-ocr page 1-
rrxvANDITMAR
DnTTEI^DAM.
lv.:\'f,.^,,;^;v1
[füdde^o/| 2 C j/lm,
I
-ocr page 2-
ww* loyjto
-ocr page 3-
-ocr page 4-
BIBLIOTHEEK UNIVERSITEIT UTRECHT
A06000031445665B
3144 566 5
-ocr page 5-
*
De Transvaalste Onlusten in 1896
dooi;
Wm. DE B R U IJ N.
:Ns^3$s#<
Inleiding*.
van grootsche, roemrijke heldenfeiten uit vorige eeuwen, en ons de bekende
rei van Hooit in herinnering bracht:
R zijn van die gebeurtenissen, die veler tong in beweging brengen,
en veler pen doen krassen op het geduldig papier, die beschouwin-
gen uitlokken, en verflauwde herinneringen verlevendigen-----die
een koud hart warm maken, en een mat-starend oog plotseling
doen opflikkeren, als ontwakend uit een diepen slaap.
De wereld volgt — men kan zeggen met ingehouden adem - de verwikke-
lingen, welke ontstaan door zulk een evenement, mee-jubelend en mee-treurend,
naar gelang van den veranderlijken stand der zaken. De couranten-bureaux
worden bestormd — de
berichten verslonden, en
hier wordt de zaak in den
breede besproken in den
familiekring, eenvoudig
en zonder pretentie, daar
aan de politieke societeits-
tafel, met ernst en klaar-
heid, .... ginds in een
rumoerig restaurant,
zwetsend en tierend.
Geen woning valt er
aan te wijzen, zelfs niet
in de donkerste, grieze-
ligste stadswijken — geen
woning, al wordt ze ook
bewoond door de paria\'s
der maatschappij, of de
wanden zijn getuigen van
gesprekken, die daar ge-
voerd worden over de
wereldgebeurtenis, welke
de ronde doet.
Een oorlog, een over-
val, eene bestorming —
kent ge onderwerpen, ge-
achte lezeres of lezer, die
meer den volksgeest
boeien, die meer de alge-
meene belangstelling tot
zich trekken?
Welnu, weer heeft er
bloed gevloeid, weer is het
zwaard getrokken — en
beschamend bedenken
wij het, hoe er aan het
einde der 19e eeuw nog
telkens weer menschen-
levens vallen moeten als
slachtoffers van politieke
hartstochten.
Geheel ons volk ont-
roerde op de tijding, dat
een goed gewapende troep
Engelschen de Transvaal-
sche grenzen had over-
schreden met de bedoeling
om het manhafte Boeren-
volk — zoo na aan ons
verwant door afkomst
en door taal — hetstukske
land te ontrukken, het-
welk hun eerlijk toebehoort/.
„ ... Den openbaren dwingeland
Mot moed te bieden wederstand,
En op de harsepan te treden,
Om met het plengen van zn\'n bloed
Den vaderJande \'t waardste goed,
De gulden vrijheid, te bereden:
Dat is van ouder horkomst wijd
BJj d\'allertreffeljjkst\' altijd
Beloond mot eerobeelden dankeln\'k.
De lofkrans, groenens nimmer moe
Die komt het hair derzulken toe___"
Hoe jammer is het, dat
de tijd nog zoo verre
schijnt te zijn, waarin de
alles omvattende ver-
draagzaamheid de wereld
regeeren zal. Oorlog, altijd
weer oorlog ... is dat dan
een opgaan naar het tijd-
perk, waarvan men
spreekt, waarop men
hoopt, waarover \'n Jezus
leeraarde ?...
Zoolang er aanvallers
zijn, moeten er verdedi-
gers blijven, en daarom
niet de schuld van dezen
krijg aan de Boeren, maar
alleen aan hen, die het
durfden wagen de hand
te slaan aan een volk —
zoo klein, maar zoo mach-
tig door eendracht en
trouw aan den godsdienst
en aan de Staatswetten.
De Transvalers zijn er
in geslaagd de erkenning
te verwerven, dat kleine
staten nog eene reden
van bestaan hebben.
De groote agglomera-
tiën van den laatsten tijd
hebben ons daarweleens
voor doen vreezen, maar
thans staat het vast, dat
zij eene rol te vervullen
hebben in de wereldorde.
Eén ding is daartoe ab-
soluut noodzakelijk. Wat
dat is? Vaderlandsliefde
— oprechte vaderlands-
liefde, die zelfs afstand
kan doen van eigen mee-
ning, waar \'s lands onaf-
hankelijkheid en vrijheid
gevaar loopen.
Wij dragen deze blad-
zijden dan ook op aan
het hoofd van dien wak-
keren Staat, hulde bren-
gend aan zijn edel, door-
tastend karakter-----wy
dragen deze bladzijden eveneens op aan heel het Transvaalsche volk, hulde
brengend aan zijne daden, zijn moed en volharding.
Dat het onzen broederen daar ginds welga, dat zij het land met zoo ont-
zaglijk veel moeite verkregen, mogen behouden, en het nimmer meer van hen
gevorderd worde, het zwaard aan te gorden om die dierbare plek te beveiligen !
Zij hebben genoeg gestreden, genoeg geworsteld----- Hun heldenbloed heeft
den grond doorweekt.... Dat de vrede dan kome over het goudland!
Of z\\jn vrede en goud niet met elkander te vereenigen ?
Wellicht: „neen", want goud en vrede zijn zeer sterke contrasten-----
?
\'t Was een gebeurtenis, die eerst overal schrik en ontzetting verspreidde...
maar later de lippen plooide tot een blijden lach, en aanleiding gaf tot een
gevoel van innige dankbaarheid en vreugde, toen men hoorde, dat die geduchte
scharen van vreemde indringers verslagen en als gevangenen weggevoerd waren.
De overwinning op die machtige tegenstanders behaald, heeft geleerd, dat
er nog eene andere macht is, dan die van het geweld: de macht van het
recht.....
\'t Was \'n daad, door de trouwe Transvalers bedreven, die een copie gaf
%4m
Rotterdam, Januari 1896.
-ocr page 6-
• .
<*
•»
*
*
*<
-ocr page 7-
DE TRANSV AALSCHE ONLUSTEN IN 1890.
8
I. Iets uit de gesch.ied.enis der Boeren.
LLE staten, hetzij zij groot of klein zijn, hebben hunne geschiedenis. De
kleine staten onderscheiden zich daarin van de groote, dat hun
verleden aangrijpender en sympathieker is. Steeds zijn we geneigd,
en dat is goed, medelijden te gevoelen met het zwakke, met het
hulpbehoevende, en daardoor, wanneer we de geschiedboeken van onaanzien-
lijke rijken doorbladeren, vinden we het een genot, als we vernemen, dat zij
zich staande hebben kunnen houden tegenover eene veel grootere tegenpartij.
De Boeren hadden strijd te voeren:
1". tegen de natuur,
2°. tegen de inboorlingen,
3°. tegen de Engelschen.
Het was dus een driedubbele strijd, en waar we thans weder eene schit-
terende overwinning kunnen toejuichen, stijgt onze bewondering voor dat
dappere volk, dat vrij wilde zijn, en vrij is geworden.
Door wien de Kaap de Goede Hoop het eerst ontdekt is, valt moeielijk te
zeggen, en is trouwens voor ons ook van weinig belang. Van groote beteekenis
is het echter te weten, dat Jan Molenaar de eerste Hollander was, van
wien men weet, dat hij de Kaap heeft bezocht, en dat dit geschiedde in 1595.
Deze landing vond plaats met vier tamelijk groote schepen. In 1601 werd hij
gevolgd door Joris van Spilbergen, die aan Tafelberg en Tafelbaai met de
omliggende bergtoppen de namen gaf, welke zij heden nog dragen.
Cornelis Matelief de Jonge plantte in 1606 de eerste groenten aan den voet
van den Tafelberg en liet, op het aan den ingang der baai gelegen Robben-
eiland, drie rammen en zeventien ooien achter, om de gelegenheid open te
stellen, dat de bemanning der latere schepen van de Compagnie, wanneer zij
de Kaap aandeed, zich zoud kunnen voorzien van versch vleesch en groenten.
Eigenaardig is het om na te gaan, hoe vroeg zich reeds in de geschiedenis van
Zuid-Afrika de Engelsche geest van annexatie openbaarde, want toen de Engelsche
kapitein Keelay, die een jaar na het boven verhaalde het eiland bezocht, zag
wat Matelief gedaan had, eigende hij zich-zelf eenige van de vetste schapen
toe, en liet er \'n paar magere in ruil voor achter.
Dat was het begin der Engelsche annexatie-zucht, en waar, zoo vragen wij
ons met beklemdheid af, waar zal het einde zijn ? ...
Onze kennis van de Kaap danken wij aan de Portugeezen. Het was Bar-
tholomeus Diaz. die in 1483 langs de Zuidwestkust van Afrika zeilende, over-
vallen werd door een zwaren storm, waardoor hij gedwongen was zee te kie-
zen en zonder het te weten do Kaap omzeilde.
Toen hij meer zuidwaarts voer, ontdekte hij Mosselbaai, waaraan hij den
naam gaf van Angra dos Vagneiros, Herdersbaai, en bereikte de Algoabaai den
16en September 1486. Op het eilandje Santa-Cruz plantte hij een kruis, en
toen, doorzeilend langs de kust, tot aan de Groote Vischrivier - vanwaar hij
zoo gaarne had willen oversteken naar Indië — was hij wegens zijne belofte
aan de Portugeesche regeering genoodzaakt, huiswaarts te keeren.
Op de thuisreis ontdekte hij de Kaap, die hij Cabo del totos tormentos doopte,
hetgeen beteekent „Kaap aller Stormen". Koning Jan II veranderde dien naam,
met het oog o;> de tochten naar Indië, in Cabo de Baona Esperanza (Kaap de
Goede Hoop).
Eerst tegen het midden der zeventiende eeuw werd door de O. I. Compagnie
aan van Riebeek opgedragen de Kaap te koloniseeren.
Een drietal Hollanders en twee Duitschers vestigden zich in de nieuwe
volksplanting en vormden de kern der latere Boeren.
Men behoeft slechts een zestigtal jaren verder te gaan, om de bevolking
gestegen te zien tot niet minder dan
4000 zielen. De grootste aanwas kwam
echter eerst naar aanleiding van de
herroeping van het edict van Nantes
in 1685.
Niettegenstaande de vermenging van
al de vreemde elementen, die toevloei-
den, bleef het Hollandsch karakter toch
de overhand houden, en nimmer hoorde
men na dien tijd anders over de bevol-
king der Kaapkolonie spreken, dan onder
de benaming van „Boeren".
In 1795 werd de kolonie door de En-
gelschen veroverd, doch in 1802 weder
aan de Hollanders teruggegeven. Dit
hernieuwde bezit duurde zeer kort, want
vier jaren later maakte Engeland er
waarbij het houden van slaven geregeld werd. Zekere Bezuidenhout verzette
zich eens tegen een vonnis der regeering en geraakte daardoor aan het vech-
ten met de politie, waarbij dooden en gewonden vielen.
De zaak droeg zich aldus toe: de landdrost bracht de feiten voor het rond-
gaand gerechtshof, dat een „dagvaarding in persoon" l) eischte. Aan den com-
mandant van den militairen post Boschberg werd gelast, den baljuw militaire
hulp te verleenen, indien deze verlangd werd.
Vergezeld van luitenant Rousseau en een twintigtal soldaten begaf de bal-
juw zich naar de woonplaats van Bezuidenhout.
Deze heeft zich met een kleurling opgesteld in zijn welverschanste vee-
Tocht met den Ossenwagen.
kraal, en als de soldaten tot op vijftig pas genaderd zijn, roept hij:
,Die
nader komt is dood."
„Avanceert" is het bevel van den offlcier, doch de soldaten, bang als ze
zijn voor Bezuidenhout\'s juist schot, gaan eerst op herhaald commando weife-
lend voorwaarts. Bezuidenhout vuurt.... doch zonder te treffen. De militairen
maken zich meester van de kraal, maar de persoon waarom het hun te doen
is, is plotseling met zijn knecht door een opening iin de kraal verdwenen.
Boor en Kaffer.
Even later ziet men-Bezuidenhout on den kleurling in een nabijzijnde spelonk.
Thans wordt hij vermaand zich over te geven, doch krachtig weerklinkt het
antwoord uit de spelonk: „Nooit, nooit!" Weer wordt er gevuurd . . en thans
klinkt een doffe, gesmoorde gil.\'...
De bediende treedt te voorschijn en geeft \'zich over, maar Frederik van
Bezuidenhout. was doodelijk getroffen: aan het hoofd en aan de borst.
De duisternis daalde neer op de aarde, en bang voor de bewoners in den
omtrek, trokken de soldaten stil af, het lijk liggen latend, zooals het daar lag.
De Boeren begroeven den volgenden dag hunnen broeder. Belangstellenden
Ein Boor In trokkostuum.
zich weder meester van, en thans....
behield het de Kaap voor goed.
Afhankelijk te zijn van het Engelsch gezag trok de „Boeren" allerminst
aan, en daardoor ontstonden er dikwijls botsingen, die ernstige gevolgen hadden.
Zie hier een feit, dat vooral heeft geleid tot het zich vrijmaken van den op
hen uitgeoefenden dwang.
Sommige Boeren werden veroordeeld wegens het inbreuk maken op de wet,
\') „Dagvaarding in persoon\' beteekent: om terstond persoonlijk voor het Hof te ver-
schijnen.
-ocr page 8-
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 18 9(5.
stroomden toe, en als men stond, daar aan de geopende groeve, hield een der
familieleden \'n toespraak, waarin hij wraak en nogmaals wraak riep over den
wreeden moord, over het snood gedrag der Engelschen.... en als de kuil
werd aangevuld met aarde, reikten de aanwezigen het familielid de hand, en
op dat oogenblik deed men — zonder te spreken — een duren eed.....
Dit voorval, gevoegd bij zoovele andere, die bewezen dat de Boeren
onophoudelijk bij de inlandsche
bevolking werden achtergesteld,
deed hen besluiten, toen zij geen
bescherming meer van de regee-
ring te wachten hadden, om in
183-4 op weg te gaan naar een
gedeelte Katfergebied, het tegen-
woordige Natal, om daar een on-
afhankclijkon staat te stichten.
Een deel hield stand in het
gebied aan de overzijde van de
Oranjerivier en vormde er een
staat — later Oranje Vrijstaat
genoemd — terwijl het tamelijk
waardelooze gebied door Engeland
gedeeltelijk onafhankelijk ver-
klaard werd.
Natal echter zou er niet zoo
gemakkelijk afkomen.
Engeland beweerde aanspraken
In 1S72 werd Burgers tot president gekozen. Deze vormde het initiatief,
om de Transvaalsche republiek door middel van een spoorweg met de zee te
verbinden. Natuurlijk strookte dit plan weinig met het zelfzuchtig handels-
belang van Engeland, dat het uitvoennonopolie van Transvaal wilde behouden.
Toen in 1876 een oorlog uitbarstte tusschen de Boeren en inboorlingen, namen
de Engelschen, onder het voorwendsel, dat hunne koloniën bedreigd werden,
de gelegenheid waar, zich met de
zaken der Republiek te bemoeien.
Shepetone, secretaris der Kaap-
kolonie voor de aangelegenheden
der inboorlingen, begaf zich, door
troepen vergezeld, naar de hoofd-
stad Pretoria en verklaarde aldaar
den 12den April 1877, dat Trans-
vaal bij de Britsche bezittingen
was ingelijfd.
Op de protesten van den pre-
sident Burgers, die kort te voren
Europa bezocht en ook uit ons
vaderland bekwame mannen, zoo-
als Jorissen, van Gorkom en
anderen, aan zich verbonden had,
om de jeugdige Republiek te die-
nen en een beteren geest te bren-
gen onder de Boeren, werd vol-
strekt geen acht geslagen, en op
die van den Volksraad evenmin.
Hoewel de Engelschen den strijd
tegen de inboorlingen voortzetten
en er in slaagden, na aanzienlijke
op Natalstaande
niettegen-
het vroeger te vergeefs
beproefd had het land op de Kaf-
fers te veroveren. Engelsche troe-
A.111 do Vaalrivier.
pen werden dan ook uitgezonden
om met gewapende hand het land in bezit te nemen. De Boeren boden dapper
tegenstand en verdreven de aanvallers, doch de Engelschen kwamen in grooter
getale terug en maakten zich meester van de hoofdstad Metermaritzburg. In
1843, na er dus zes jaar in het bezit van te zijn geweest, trokken de ver-
dreven Boeren de Vaalrivier en het Drakengebergte over om een nieuw land
te zoeken.
verliezen geleden te hebben, zich
meester te maken van een paar inlandsche vorsten, zoodat de Boeren, wat
hunne veiligheid betrof, in een veel gunstiger toestand verkeerden, streefden
zij bij voortduring naar het herkrijgen hunner vroegere onafhankelijkheid.!
Wat werd dat streven niet aangewakkerd door den val van het Kabinet
Beaconsfield!
Den lode" December 1879 hielden zij eene groote vergadering, die door
Gozicht op Johannesburg.
Hun aanvoerder heette Hendrik Potgieter, en werd opgevolgd door Preto-
rius, aan wien de hoofdstad van het nieuwe land den naam Pretoria ont-
leend heeft.
Ook thans weder trachtte Engeland, dat onverdeeld meester wilde blijven
over Zuid-Afrika, hun verschillende hinderpalen in den weg te leggen, doch in
1852, bij het tractaat van Zandrivier, werd hunne onafhankelijkheid erkend.
(530U mannen, vormend de meerderheid der mannelijke ingezetenen, werd
bijgewoond.
Nooit zouden ze zich onderwerpen aan het Britsche gezag, en alles — goed
en bloed — indien het zijn moest, zou worden opgeofferd voor de onafhankelijk-
heid.
Het kleine volk kwam in 1880 weder tegen zijne belagers in verzet en toonde
-ocr page 9-
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189(5.
Bij die conventie werd de zelfstandigheid van de Zuid-Afrikaansche Repu-
bliek — zooals na den vrede van 1881 de naam des lands luidde — bevestigd.
Sedert is de Republiek vooruitgegaan, en kon de vierkleur vrij waaien uit
de huizen en van de torens — die vierkleur, waarvan de Boeren op zulk eene
aangename, welbekende wijze zingen in een hunner volksliederen *):
Matig.
zooveel kloekheid, dat het naast de sympathie aller Nederlanders, ook die won
van heel de beschaafde wereld, want de Engelsche troepen werden herhaaldelijk
verslagen.
Den 16den December trokken zij — ten getale van 5000 — als overwinnaars
de stad Heidelberg binnen, waarna zij de republiek afkondigden, aan wier
hoofd Kruger, Joubert en Pretorius geplaatst werden.
Zij brachten eene afdeeling van het 94ste Engelsche regiment aan het
wijken, hielden de grenzen tusschen Transvaal en Natal bezet, en deden in
Januari 1881 zelfs een aanval in Natal. De Engelschen konden daarna alleen
hun gezag handhaven in de forten Pretoria, Potchefstroom, Standerton en
Wakkerstroom, zoodat [het zenden van aanzienlijke hulptroepen uit Engeland
naar de Kaap noodzakelijk geoordeeld werd.
Sir Ueorge Pomeroy Colley, gouverneur van Natal, trok tegen de Boeren
te velde, die zich onder aanvoering van Joubert ten getale van 3 a 4000 bij
Langnek bevonden, waar de Engelschen na een bloedig verlies moesten terugwijken.
Toen namen zij den steilen Spitskop in bezit, om van daar de Boeren
te belagen, maar dezen, in plaats van te wijken, bestormden kloekmoedig
die hoogte en joegen de Engelschen langs de steile helling naar beneden,
waarbij generaal Colley sneuvelde.
Den 8atea Augustus 1881 verkondigde eene proclamatie van het voorloopig
Bewind de herstelling der onafhankelijkheid.
De Volksraad vond bezwaar in de gestelde voorwaarden en zond in
September 1888 Kruger, Du Toit, en den vechtgeneraal Smit naar Engeland,
waar zij den 27s,cn Februari 1884 te Londen met het Britsche rijk eene
conventie sloten.
N^^n."fef?-^rr^6^^^-x^^
Di viorkleur van ons dier-baar land, Di waai weer o\'er Trans-vaal; En wee di God ver-
ge - ten hand, Wat dit weer neer wil haal! Waai hoog nou in ons hei-der lug, Trans-
vaal sche vrü-heids-vlag, Ons vjj - an - de is weg-ge-vlug; Noublink\'n bly-er dag.
Waai hoog nou in de heldre lug,
Transvaalse vrijheids vlag!
Ons vjjande is wegge vlug,
Ons blink\'n blijer dag.
Waai hoog nou o\'er ons dierbaar land,
Waai, vierkleur van Transvaal!
En wee di God vergoten hand,
Wat jou ooit neer wil haal!
Voul storme het Jij deurgestaan,
Mar ons was jou getrou;
En nou di storm a o\'ergegaan,
Wijk ons nooit weer van jou.
Bestormd door Kaffer, Leeuw on Brit,
Waai jy steeds o\'er hul kop:
En tot hul spijt anskou hul dit,
Ons hys jou hoger op.
\') De muziek van dit volkslied is van J. S. de Villiers, on de tekst van S. J. du Toit.
II. De g-estelclheicL van liet land.
OUD!___Is er een machtiger woord ?
Wij kunnen het leven verdeelen in twee deelen: illusie en
realiteit. liet eerste voert ons weg met onze gedachten, doet ons
droomen droomen die edel zijn, en goed, en verheven___het
laatste bepaalt ons bij het „heden", bij de wereld met hare alledaagsche beslom-
meringen, met haar zwoegen en ploeteren, bij den strijd om het bestaan.
Doet het eerste ons walgen van het goud en maakt bet ons bitter gestemd,
dat de aarde in haren schoot een plaatsje durft geven en waardig keurt aan
dat vervloekte metaal — het laatste zou u en mij eenparig doen opgaan in
breede rijen, wanneer we plek en tijd wisten, waar en wanneer een genadige
beschutsengel er eene uitdeeling van aan de menschheid zou willen houden.
De realiteit eischt het, de menschen roepen het eenparig___goud, goud,
altijd weer goud!... .
De Transvaalsehe velden zijn rijk aan goud, rijker dan eenig ander land.
Daar ziet ge de menschen delven, steeds delven van den morgen tot den
avond, en hun leven is het eenvoudig zinnebeeld van hetgeen de gansche
wereld doet op ruimer gebied. Goud .... tonnen delven zij op aan metaal-
waarde, en toch -- ziet hen eens aan, die delvers: het zijn bijna allen vreemde-
ik zelfs gezien heb, dat die vrouwen eenige meters ver werden weggeslingerd.
Een weerzinwekkende aanblik!"
Die delvers zoeken alleen alluviaal goud, d. w. z.: het metaal, dat, gedegen,
in klompjes tusschen het zand of de rotsen wordt gevonden. Bevindt het zich
daarentegen in fijne aderen verspreid, als stofgoud in den steen, dan kan het
daaruit niet zonder machines worden verwijderd. Deze moeten het erts
fijn stampen en daaruit het goud afscheiden; zulke machines kosten evenwel -
voornamelijk wegens het dure vervoer — zooveel, dat zij de krachten van een
delver, die voor eigen rekening werkt, te boven gaan.
Uit 1886 dagteekent de eerste ontdekking van goudvelden in het district
Witwatersrand (Transvaal). Men vond toen het eerste kamp der gouddelvers
WÈSÈimm            -::-...
\' S
s. \\.jsxrz
■■■■■;, ■:«■\' ■ *
Hot Ferrelra\'s kamp. Begin van JnliaimGsburg in lssti.
ter plaatse waar nu Johannesburg ligt. Dit heette het Ferreira\'s kamp en
bestond uit slechts enkele ruw opgetimmerde houten huizen, of liever schuren
en veldtenten; woningen zonder eenig comfort, alleen bestemd om aan de
bewoners eenige beschutting te geven.
Thans zijn er tien jaren verloopen, en gedurende dat korte tijdsverloop is
alles veranderd. Waar toen een paar armoedige huisjes stonden — bevindt
zich nu een volkrijke stad met groote winkels en kantoren, met prachtige
plantsoenen, paardentrammen en twee spoorwegverbindingen naar de kust; de
eene naar de Delgoabaai, de andere (eerst sinds kort in exploitatie) naar Durban.
Natuurlijk was goud het tooverwoord, dat deze groote stad zoo op eens
deed verrijzen, dat Engelschen, Duitschers, Franschen, Nederlanders, Amerika-
nen, Italianen, Belgen, Hongaren, Denen, Noren, en vooral veel Israëlieten,
Chineezen en Japanners deed samenstroomen om in vereeniging huizen te
bouwen en wegen aan te leggen, en zoodoende een groote stad te doen verrijzen.
In toenemende mate deden de rijke goudmijnen in den omtrek van Johan-
nesburg maar steeds vreemdelingen (Uitlanders) toestroomen, en vooral in de
laatste tijden steeg de buitenlandsche bevolking van het mijndistrict van
Goudzoekors a.m dun arbeid.
lingen — want de Boeren houden zich er niet mede bezig - het zijn vreem-
delingen, die een leven leiden zoo ellendig als mogelijk is. Een gewone tent,
indien zij die nog bezitten, dient hun tot nachtverblijf, en \'n bed, dat is het
eenigste meubel, waarop men moet slapen, eten, drinken, enz.
De heer Hendrik P. N. Muller, die persoonlijk een bezoek bracht aan
Transvaal, schrijft dan ook in zijn werk, getiteld: „Zuid-Afrika": .Zelfs een
neger van eenigen welstand zou eene dergelijke woning versmaden. Het uit-
vaagsel der negervrouwen dient den delvers tot gezelschap en kookt voor hen
hun armzalig potje, wat schapenvleesch met maïsmeel. Die vrouwen zijn bijna
allen aan den drank verslaafd; hebben zij zich daaraan te buiten gegaan, dan
volgen dikwijls tusschen haar en haren gebieder ernstige gevechten, waarbij
-ocr page 10-
6                                                        DETRANSVAALSCHE
ONLUSTEN IN 18 9 6.
------------------------------------------ —--------------------------*---------------------------------------
bare straat, afgesloten voor voertuigen, wordt handel gedreven in mijnaandee-
len, of liever er wordt daar gespeculeerd in werkelijke waarden en in fictieve
waarden; gedobbeld met den hartstocht van menschen, die door den gouddui-
vel bezeten zijn.
Men noemt Johannesburg weleens het „Chicago van Afrika", en met reden.
Fraai zijn de aangelegde villa\'s der voorsteden, waar men tal van equipages
i met elegante dames zich in bonte mengeling ziet bewegen — terwijl daar-
tusschen een heirleger van Mercurius\' dienaren druk redeneerend zich van en
naar de Beurs beweegt.
.. . .Johannesburg ligt op het goud. Het grootste goudrif is 30 Eng. mijlen
aan één stuk, en is overal doorwroet en doorgraven. Een mailboot, die eenigen
tijd geleden van de Kaap aankwam, had voor £ 300,000 tot £ 400,000 aan goud
aan boord; men zegt dat iedere mailboot ± £ 100,000 aan goud medebrengt...,
Uit de verte lijkt het een geweldige menigte lang uitgetrokken zinkon lood-
sen, met rijen mijnschoorsteenen langs elk gouderts-rif, zoover men zien kan
in iedere richting.
Transvaal is gelegen tussclien 22°—28° Z.B. en 25°—82° O.L., en wordt
begrensd ten N. en N.W. door de Limpopo- of Krokodil- en Notuani-rivieren,
welke het afscheiden van de Kafferlanden — ten Oosten door de Pongola,
de Lebombo-bergen, de Lebubo en de rechte lijnen, welke den laatstgenoemden
stroom met de Olifantsrivier, en de Pongola met de Tugela verbinden — ten
! Zuiden door Bufalo- Klip- en Vaalrivier en ten Noorden door de Hartsrivier
I en door de in noordelijke richting voortloopende lijn, die, in het midden zich
ombuigende naar liet Westen, samentreft met de Morico.
Men verdeelt de Republiek in twaalf districten. Ze zijn: Pretoria, Potchef-
stroom, Kustenburg, Waterberg, Zoutpansberg, Lijdenburg, Middelburg, Wak-
kerstroom, Utrecht, Heidelberg, Morico en Bloemenhof.
Het land heeft eene oppervlakte van ± 120,000 G Engelsche mijlen.
Voornamelijk de oostelijke, noordelijke en middengedeelten zijn zeer berg-
achtig. Het Drakengebergte verheft zich in het Oosten.
week tot week zeer belangrijk. Kort geleden werd, met betrekkelijk groote
zorgvuldigheid, eene telling ondernomen van de te Johannesburg verblijvende
vreemdelingen. Het eindcijfer bedroeg toen ongeveer 126,000.
Bij den voortdurenden toevloed van menschen uit alle oorden en van alle
nationaliteiten, schijnt men uit te gaan van de verkeerde onderstelling, dat in
de goudstad het goud maar voor het oprapen is. \'t Spreekt van zelf dat al
die menschen gehuisvest dienen te worden, en dat men aanhoudend moet
bijbouwen; hierdoor stijgt de bouwgrond aanmerkelijk in prijs, en doen de
bekwame handwerkslieden in de bouwvakken opgeld.
Hel nieuwe Postkantoor ti> Johannesburg.
De spoorwegen hebben naast het goud veel bijgedragen tot den bloei van
Johannesburg, want zoolang de ossenwagen het voornaamste vervoermiddel
was, kon de vooruitgang slechts trage vorderingen maken.
Gewoonlijk hebben de huizen niet meer dan één verdieping. Als het regent
zijn de straten, daar ze nimmer geplaveid worden, zeer modderig.
De hooge loonen, die men er uitbetaalt, zouden menigeen bewegen er heen
te gaan; zoo\'moet een flink metselaar gemakkelijk 12 gulden per dag, en een
kantoorbediende, die behalve den Zondag, ook den Zaterdagmiddag vrij heeft
— de meeste kantoren worden dan reeds gesloten — drie honderd gulden per
maand kunnen verdienen.
In evenredigheid met die hooge loonen, zijn ook de levensmiddelen daar zeer
kostbaar. Een flesch bier kost ± ƒ1,25, een gewone sigaar/" 0,30, een pond
Hollandsche boter ±/*l,50. Alleen het vleesch is goedkoop, doch het rundvieesch I
is minder overvloedig aanwezig, dan het zeer goed smakend vleesch van j
antilopen.
Transvaals vruchtbaren bodem wordt besproeid door tal van grootere en
kleinere rivieren; als hoofdstroomen noemen wij de Vaal- en de Limpoporivier.
Ook vindt men er vele koude en warme bronnen, waaronder het z. g. Warm-
bad bij Nijlstroom zeer bekend geworden is door zijn genezende kracht.
Het Chrissiemeer is het eenige meer van beteekenis, en heeft een omvang
van 36 mijlen in omtrek bij eene tamelijke diepte.
De gemiddelde jaarlijksche warmtegraad is er omstreeks 15° C. Het verschil
van klimaat veroorzaakt er eene groote verscheidenheid in den plantengroei.
Daar, waar men de milde zomerregens heeft, groeit een overvloed van gras,
en in de kloven en aan de oostelijke helling van het Drakengebergte heeft
men groote oorspronkelijke wouden, vooral van geelhout (Taxus elongata),
ijzerhout en reukhout. De planten op de hoogvlakten der middenterrassen
zijn voornamelijk: mimosa\'s en acacia\'s. Voorts wordt er maïs, kafferkoren,
gierst, boonen, erwten, aardmandelen (arachis), meloenen en suikerriet ver-
bouwd.
Omtrent het dierenrijk kunnen we vermelden dat het overeenkomt met dat
van de overige gedeelten van Zuid-Afrika. Vooral treft men er veel antilopen aan
en op de grazige hoogvlakten moeten meermalen troepen van 5000 spring-
bokken gevonden zijn. De giraffen, buffels, olifanten en rhinocerossen mogen er
verminderd zijn, nog steeds is er een groot aantal luipaarden, leeuwen en
hyena\'s, alsmede vele struisvogels, wier vederen een belangrijk uitvoer-arti-
kel vormen.
Wij noemen van de meestvoorkomende huisdieren: de runderen, schapen en
geiten, terwijl paarden en merinoschapen er later werden overgebracht.
Nu nog \'n enkel woordje over Transvaal, als goudland. Straks hebben we
een vluchtigen blik geslagen op de gouddelvers, en we hebben opgemerkt,
welk een armoedig bestaan zij zich moeten getroosten ter wille van het goud.
Langzamerhand werden er echter meer en meer maatschappijen gevormd, waar-
door de primitieve wijze van vroeger vervangen werd door de krachtige samen-
werking van kostbare machinerieën in vereeniging met duizenden men-
schenhanden.
De goud productie van Witwatersrand neemt gestadig toe. In 1888 leverden
de mijnen 208,122 ons goud op; in 1894 2,024,162 ons, en in het loopende
! jaar belooft de ontvangst weder hooger te worden dan in het vorige. De mijnen
I bergen nog onnoemelijke schatten in hun schoot.
Telogroaftorei» to Joluuinosburg.
Het centrum van den goederenhandel des lands is Johannesburg; op
de Beurs worden dagelijks drukke zaken gedaan. En naast de Beurs, op de open-
-ocr page 11-
*
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189 0.
De Boeren vergenoegden zich er mee, hunne hoeven, waar goud ontdekt
(„gespeurd") werd voor een goeden prijs te verkoopen; zelven de goudvelden
in exploitatie te brengen, daar weten ze geen weg op .... maar de Engelschen
zooveel te beter. Zij leggen mijnen aan en koopen de benoodigde machines,
die de gewone gouddelvers wegens te hooge kosten missen.
Omdat de mijn-industrie kapitaal vereischt, werden er maatschappijen gevormd
en het geluk wilde, dat er in de onmiddellijke nabijheid steenkolenbeddingen te
vinden waren, waardoor men brandstof had om de machinerieën met stoom
te kunnen drijven ; daarbij kwam ook nog, dat men overvloed van water aantrof.
Alles liep dus mede en aan de toepassing van het stoomvermogen had men
die fabelachtige, snelle productie te danken.
\'t Was verstandig van de Transvaalsche regeering om het mijnwezen bij
eene wot te regelen, en voor den Staat een aandeel in de winst te bedingen.
Het gevolg hiervan is, dat de Staat z\\jn voornaamste bron van inkomsten
vindt in de mijn-exploitatit, en dat de financiën van de Zuid-Afrikaansche-
Republiek in een uitmuntenden toestand verkeeren.
in. JVIalaboch-Kpijgslied.
-----—*o—z&m&&m=$>~&~ -
Moderato.
Arrangement van A. B. WüoDCOCK.
i-e=
1. Ons gaat ten oor-log, Ma - la - boch! Ma- la • boch! Onstaat jou haal, .Ie moet op-
:3=zz^r
ÏZ11Z
-T-
:d-^=zq=—q-J-J^zd=q—jz=^±^=
ƒ               
^                    i ,                                    mf                \\ ^*
ff              ,                             h.
----------j_—i-----/—>—4----------1-------.—0—\\------l-----,i__c—\\z—?-_i_j------------------znr<£—g------------,--------;_jb——i_r._5>__©________:
KOOR. Zeer krachtig.
hi^—r.
3
:±=É
Ö=&EEt
----------.9----0----X3I_0—H
-o
betaal, Ons zal jou skiet Op com - man-do van Oom Piet. En zoo lang als de Ie - pel in de pap-pot staat, Treu-ren wij nog niet.
Tv
_l
m^^^^^^^m^^m^m^m^^^^
Ö=§
-ff~
35EEE
-#•■
-r-
T
r-
»-
£=±=J=^j_^zzzqzz^sr=±3—J=:ï—zfezzïï.zr;ï=zï=:J:
E3=ïü^ipï
êë^IêeêI
Kla-gen wij nog niet, En zoo lang, als de Ie - pel in de pap-pot staat, Treu - ren wij nog niet.
j
,____.___________        ____ J_______M *_♦_*■ _!_♦_* *J ♦ * -*\' ■* I *
6.
Hou jou maar klaar,
Malaboch, Malaboch.
Ons heb \'t zwaar
Dat is waarachtig waar,
Ons krijg jou toch
Jou vervloekste Malaboch. — (Koor.)
Ons Kornel Ferreira,
Malaboch, Malaboch.
Komt met zijn perden
Ons jou te keeren;
Ons gaat te voet
En ons slaat jou op jou snoet. — (Koor.)
Ons Commandant Generaal,
Malaboch, Malaboch.
Hou niet van dit geschiet,
Smijt maar met de dynamiet
Hy heeft jou amper gefop
Met de klippers op jou kop. — (Koor.)
7.
Neen, zeg Commandant Malan,
Malaboch, Malaboch.
Ons het een ander plan
Wat jou niet vatte kan,
Kan je dit niet zien,
Ons moet smoke met parafln. — (Koor.)
:>,
God die alles wiet,
Malaboch, Malaboch.
Zorg voor vrouw en kind,
Broeders, zusters en vriend
Lieftjes die ons laat,
Kan niet schele hoe \'t gaat. — (Koor.)
Ons Reverend Colin Rae,
Malaboch, Malaboch.
Met hom is ons te vrij,
Hij gaat overal mee.
Waar blijft die Predikant
Van ons dierbare Vaderland. — (Koor.)
8.
Ons was ten oorlog,
Malaboch, Malaboch.
Ons \'t jou gehaal
Je \'t op betaal
Ons \'t jou geschiet
Op commando van Oom Piet. — (Koor.)
«
-ocr page 12-
*,
IV. Kax-a,ktei?tièeklveïi en taal.
EN heeft wel eens willen beweren, dat de jonge Boeren niet meer
van denzelfden stempel zijn als het vorig geslacht. Van bevoegde
zijde worden die beschouwingen echter ten strengste weersproken.
Neen, de Boer is de Boer gebleven. Nog met dezelfde eenvoudig-
heid houdt hij
         ™" •
zich vast aan de
letter van den
Bijbel, nog met
dezelfde innige
liefde bemint hij
zijne vrouw, nog
met denzelfden
lust gaat hij uit
om te jagen en te
weiden, wendt
hij het gelaat naar
het Noorden, en
als zijn weiland
te klein wordt
dan trekt hij
heen, evenals
vroeger, met on-
verduisterde
hoop en sterkte
naar een nieuw
land.
De levenswijze
van den Boer be-
rust in hoofdzaak
op den stelregel:
«vroeg op en
vroeg naar bed."
Natuurlijk is dit
een goed recept
om gezond te
blijven en mis-
schien is het wel
voor een groot
gedeelte daaraan
te danken, dat de
bevolking be-
staat uit krach-
tige, flink-uit-
ziende mannen,
die hun werk
doen op eene
kalme, vastbera-
dene wijze.
Dikwijls ge-
beurt het, dat zij
des         winters
hunne zuidelijk
gelegen plaatsen
verlaten om hoo-
gerop met huis-
gezin, tenten en
provinciën. Men begrijpt dat door deze willekeurige grond verdeeling ten laatste
de geheele bodem persoonlijk eigendom werd.
Het karakter der Boeren vinden wij voor een groot gedeelte terug in ons eigen
volkskarakter,
alleen concen-
treert het zich
veel meer om
den " godsdienst,
om den Bijbel en
al wat daarmede
in verband staat.
Naast gods-
dienst schrijven
zij het woord on-
afhankelijkheid,
en op die beide
fundamenten
bouwen ze het
huis van hun be-
staan.
De Transvaler*
zijn uit den aard
der zaak van elk-
ander zeer af-
hankelijk — daar
men om het land
bewoonbaar te
maken, elkander
dient te helpen
en bij te staan
— doch steeds
geschiedt dit on-
der den mantel
der vrijheid.
„Knecht" is nie-
mand, maar toch
helpt men elkaar,
en geeft men iets
voor het helpen,
dan\' is dat geen
loon, maar eene
gave om geen
verplichtingen te
hebben.
Tusschen rijk
en arm wordt
geen verschil ge-
maakt, wel tus-
schen fatsoenlijk
en onfatsoenlijk.
Men voelt zich
één volk, men
tracht zooveel
mogelijk naar één
wil, naar één
Waterval bü Krugersdorp.
geest.
De armste jongen behoeft zich, wanneer hij van onbesproken gedrag is,
volstrekt niet te schamen om de hand te vragen van het rijkste meisje, en
omgekeerd evenmin, terwijl de leeftijden van man en vrouw dikwijls veel
uiteenloopender zijn dan in Nederland.
Nu we toch spreken over trouwen, wensch ik u iets eigenaaidigs mede te deelen
uit het werk van den heer Theod. M. Tromp („Herinneringen uit Zuid-Afrika"r
ossenwagens, ge-
durende de koude maanden, hun kampement in warmer streken op te slaan.
Dit geschiedt dan voornamelijk om voedsel te vinden voor het vee.
Onmiddellijk na de in bezitneming van het tegenwoordig Transvaal, had elk
voortrekker het recht zich een stuk land toe te eigenen. Zij, die groote kudden
bezaten, waren genoodzaakt zeer uitgestrekte gedeelten te nemen, waardoor
het verklaarbaar wordt, dat men plaatsen aantreft ter grootte van halve
-ocr page 13-
DE TRAXSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189 G.
-
en bedenkt dat het jongere geslacht voor een deel in het veld is opgegroeid,
zal onzindelijkheid schrijven op rekening van het volkskarakter. Het tegendeel
is waar, gelijk blijkt uit meer dan eene woning, waar de huisvrouw eenigszins
tot rust is gekomen. Daar doen bezem en wrijflap denzelfden dienst als in
Holland, schoon er tusschon het begrip van zindelijkheid daar en hier, altijd
eenig verschil bestaat." — —
De Hollandsche binnenhuisjes, wat zien ze er altijd gezellig en vriendelijk
uit. Vindt ge ze niet veel prettiger, dan die groote doolhoven van luxe-kamers
in Frankrijk, en prefereert ge ze niet, lezeres, boven de smakelooze, tusschen
twee haakjes dikwijls eenigszins vuilachtige, vertrekken in Duitschland, en stelt
ge geen prijs op de opgeruimde, ordelijk gerangschikte Hollandsche kamers,
wanneer ge ze vergelijkt met de „English-rooms", zoo opgepropt met allerlei
sensatie-makende waaiere en linten, met een entourage van schrille kleuren,
met een aantal stoelen zooveel mogelijk verschillend van vorm .... ?
Werkelijk, de Hollandsche binnenkamer gaat vóór alles.... hoewel het ons
begrijpelijk voorkomt, dat onze stamgenooten zich niet altijd even streng kun-
nen houden aan de tfederlandsche zindeljjkheidsbegrippen, terwijl ook hunne
meubelen zeer veel te wenschen overlaten en over het algemeen zeer gering
in aantal zijn.
Het zijn goedige kerels die Boeren. Zij mogen zich somtijds eens schuldig
maken aan de eene of
andere lompheid, maar
ge hebt ze slechts aan
te zien, die gebruinde
gezichten met fonke-
lende oogen, ge hebt
ze slechts de hand te
schudden, die stevige
vuisten, mannen en
vrouwen, en ge begrijpt
dat de plompheid,
welke ze begingen,
«een opzet was.
Ze toonen zich, zoo-
als ze zijn, en missen
de maskers, die wij
ons naar goeddunken
kunnen voordoen. Ken
dief\' kiest in onzen tijd
slechts het masker der
eerlijkheid .... en zie,
de wereld ziet hem
aan vuur \'n eerlijk
mensen; de boosdoener
zoekt zich in de uit-
gebreide garderobe het
masker van het
goede___ en zie, de
wereld juicht hem toe
als een braaf mensen.
De Transvaalsche Boer
kent niet dat dunne
Leiden, E. J. Brill, 1879). „Als een jongen een meisje wil vragen, brengt hij
een bezoek bij hare ouders. Eerst wordt er over „koetjes en kalfjes" gesproken
en tegen den avond retireert de familie zich, ten einde den bezoeker gelegen-
heid te geven uit den hoek te komen. Gewoonlijk verschijnt nu de „nooie"
(dit beteekent jonge dochter). Op de tafel staat een kaars, en deze kaars
speelt een groote rol in de aan te vangen onderhandelingen. Zoolang toch de
kaars niet is uitgebrand mag het beslissend antwoord niet gegeven worden,
want de tijd, dien de kaars noodig heeft tot uitbranden, moet de jonkman
gelegenheid geven, zijn hart voor het meisje te openen en haar te spreken
van eene goede gezondheid, eene moeder, die ook als schoonmoeder goed
belooft te zijn, enz. enz.
„Somtijds brengt de jonge dame (want de kaars verschijnt tegelijk met haar)
een zeer kort stukje binnen, en dit geval is voor den aanbidder erg
benauwend, daar het even goed het bewijs kan wezen, dat zij maar spoedig
het „neen", als het „ja" wil uitspreken.
„Een lange kaars kan trouwens op denzelfden grond weifeling uitdrukken.
„Ook moet het dikwijls gebeuren, dat het meisje onder het gesprek een
stuk van de kaars afneemt, of wel dat zij, korte metten makende, deze plot-
seling snuit en tot antwoord den verliefden jonkman in de armen valt, of althans
het jawoord geeft. Na nog een paar uurtjes aan de vrijerij te hebben gedaan,
die, zoo zij in gezel-
schap van anderen ge-
schiedt, door de Trans-
vaalsche boerenlieden
in twee tegenoverge-
stelde kamerhoeken
plaats vindt, begeven
zij zich naar bed.
„Zoo de familie niet
in één kamer slaapt,
verdeelt zij zich naar
de grootte van het huis
in meerdere vertrek-
ken. Echter vindt men
steeds meer dan één
persoon in dezelfde
slaapkamer. De jonge
bruid slaapt nu niet
den aanstaanden brui-
degom al dadelijk in
hetzelfde bed. Zij onder
en hij naast haar op de
dekens; in dezelfde
kamer slapen ook dik-
wijls hare zusters. Met
het eerstvolgend
avondmaal begeven de
betrokken partijen zich
naar het naastbij gele-
gen dorp, waar de
laatste hand gelegd
wordt aan den cate-
chismus der twee geën-
Keiio ut\'durling booren zich naar dun strijd begevende
laagje vernis der mo-
gageerde jongelieden.
Zijn zij zoover, dat ze weten wie Adam was, dan worden ze aangenomen en
bevestigd, en na afloop van het avondmaal plechtig in den echt vereenigd.
Deze gebeurtenis wordt dan door de genoodigde vrienden en bekenden gevierd
met overmatig gebruik van perzikenbrandewijn (d. i. brandewijn, die de boeren
zelf maken van perziken, en wel van de schil, het vleesch en de pit te zamen),
koek, koffie, lekkergoed (bonbons, welke in Transvaal in fleschjes verkocht
worden) en andere bizonderheden."
Voor de waarheid dezer verlovingshistorie valt volstrekt niet in te staan, daar
enkele schrijvers haar brandmerken als geheel onwaar. Toch ligt er in de idee
van de brandende kaars zonder twijfel niet alleen iets phantastisch, maar ook
iets zeer eigenaardigs.
De Transvaalsche mannen, zoowel als vrouwen dragen zeer weinig gouden
of zilveren sieraden, daar deze er zeer schaarsch zijn. Waardelooze galanterieën
en versierselen, vooral van verguld koper, worden daarentegen tamelijk veel
verkocht. Er zijn in Transvaal zeer veel struisvogels, waarop door de Boeren
druk wordt gejaagd. Zooals men weet, zijn de struisvogeleieron zeer groot en
kunnen gemakkelijk als voedsel dienen, terwijl de vederen eene aanzienlijke
waarde vertegenwoordigen. De struisvogels leveren den Boeren dus een aardig
voordeeltje op!.....
Ds. F. Lion Cachet, die geruimen tijd als predikant in Transvaal heeft ver-
toefd, maakt in het door hem in 1882 bij den uitgever J. H. Kruijt uitgegeven
zeer verdienstelijk werk „De Worstelstrijd der Transvalere," de opmerking, dat
men verwachten zou, dat de Transvalere, getrouw aan hun Hollandschen oor-
sprong, als Volk kraak-zindelijk zouden zijn, doch-----Broek-in-Waterland ligt
ver van Transvaal. Daarvoor hebben de Boeren te lang rondgezworven zonder
huis of haard; te lang zich moeten behelpen in ossenwagens en tenten; te
lang moeten „staan" in lagere en in het open veld. Niemand, die rekening
houdt met de ellenden, waaraan zij zoo jaren lang zijn blootgesteld geweest,
derne beschaving,
waarmede wij overtrokken zijn, en dat die maskers doet vastkleven___Al
koos hij er een, wat zou het hem baten bij het gemis dier kleefstof; hij zou het er
niet achter kunnen uithouden, want hij is gewoon, te zeggen wat hij meent...
en toch, toch kan hij weleens tegenover vreemdelingen — maar dan ook zelden
— zijn, zooals hij niet zijn moest.
Ja, tegenover hen kan hij aarzelen, kan hij besluiteloos staan, doch wie zal
het hem kwalijk nemen, wie — als men zijne geschiedenis kent, als men weet
hoe het altijd weer vreemdelingen waren, die hem hebben bedrogen, die hem
vele ontberingen hebben laten doorstaan, en die velen zijner broederen hebben
gedood, zoodat hunne beenderen thans verspreid liggen op de zwijgende velden,
die getuigen waren van de slagen, welke geleverd werden voor waarheid en recht,
voor vrijheid en onafhankelijkheid___?
Zoodra hij echter weet, wie en wat de vreemdeling is, vriend of vijand, dan
zal zijne aanvankelijke achterhoudendheid overslaan in het schenken van een
onbepaald vertrouwen, dan zal hij zich voordoen in zijn waar element: open-
hartig en eerlijk.
En aan die deugden voegt hij eene groote mate van mededeelzaamheid, van
medelijden en gastvrijheid toe. Helaas, dat ook het laatste zich weder voornamelijk
tot zijne stamgenooten bepalen moet. Want hoe moet hij weten, wanneer hij
zijn huis openstelt voor den vreemdeling, welke plannen deze in het schild
voert? Of zijn de bittere ondervindingen omtrent de goede trouw der uitlanders
(dat zijn vreemdelingen) opgedaan, soms nog niet erg en waarschuwend genoeg
geweest?
De snelheid waarmede de mannen zich verzamelen om ten strijde te trekken,
wanneer de belangen van den Staat dit eischen, de kennis, die zij aan den
dag leggen in de keuze van hunne stellingen, en voornamelijk hunne bedreven-
heid in het schieten en in alles wat tot een guerilla-oorlog behoort, zijn bepaald
verwonderlijk.
2
-ocr page 14-
10                                                               DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189 6.
„Het mobiliseeren geschiedt met een verbazende snelheid. Het bevel daar-
toe wordt gegeven — zij bestijgen hun paard en nemen hun geweer, en van
alle zijden zwermen zij naar het tooneel van den strijd als mieren. Zy kennen
elke positie in het land, zy achtervolgen een vijand en schieten hem neer,
alsof zij op de eendenjacht waren."
In Transvaal bestaan de meeste woningen der Boeren slechts uit één
vertrek, hetwelk men voorhuis noemt, benevens één of meerdere slaapkamers,
die door dunne steenen muren, of dikwijls alleen door \'n gordijn van het
voorvertrek zijn gescheiden. Het liefst schijnt de Boer zijne woning op eene
kleine verhevenheid te bouwen, of tegen de helling van een heuvel, zoodat
hij een onbelemmerd uitzicht heeft naar alle zijden. Dit is gemakkelijk voor
eventueele aanvallen, voor een goed overzicht op zijne grazende kudde, en
„last not least" voor een schoon en bekoorlijk vergezicht, als hij zich na
afloop der werkzaamheden kalmpjes uitstrekt op \'n gemakkelijken stoel in de
verandah, en daar zijn traditioneel pijpje stopt.
Dr. van Oort zeide eens omtrent de Boeren: „het zijn nooit heerenboeren,
doch altijd echte boeren, maar desalniettemin zijn het toch steeds heeren —
nimmer echter heertjes" — hierdoor teekende hij het unieke standpunt, dat
zij in de wereldorde innemen.
Een Hollander kan heel dikwijls flegmatiek zijn, zelfs noemen velen al de
Hollanders flegmatiek. Naar de gegevens af\' te leiden, komt het mij voor dat
één Boer meer phlegma bezit, dan tien Hollanders te samen. Het volgende
staaltje staat in de geschiedenis aangeteekend: In 1881 kwam een bode te
Potchef\'stroom berichten, dat Smit bij Majuba de Engelschen verjaagd had.
Het gansche omvangrijke verhaal werd door de pijp-rookende Boeren aange-
hoord, zonder dat zij een spier vertrekken. Toen werd den bode niets anders
gevraagd dan: „Hel) jij nou niks nie vergeet?" En het antwoord was: „Ik
had amper vergeet, dat ons generaal Colly het doodgeschiet."
Men behoeft echter niet te gelooven, dat
één enkel oogenblikje de pijp uit den mond
genomen werd.
Er wordt ferm gegeten in Transvaal. Dat
is dan ook voor zulke stoere kerels nood-
zakelijk. Bijna niemand lijdt er gebrek, want
er is voedsel in ruimen overvloed. In elke
woning eet men het fijnste rund-, schapen-,
bokken- of geitenvleesch, welke spijzen sma-
kelijk worden toebereid. De voornaamste
eetwaren zijn: vleesch, brood, maïs (milies),
pompoenen, rijst, pataten, gestoofde perzi-
ken en andere vruchten.
Men gebruikt weinig aardappelen en groen-
ten, doch zeer veel vleesch, mais en brood.
de scholen in de Zuid-Afrikaansche Republiek," geschreven door den heer
D. Aithon, uitgaf, meende het bestuur een goed werk te doen door daarin een
portret van Paul Kruger te plaatsen. Doch zeer bevoegde beoordeelaars — door
en door gezouten Hollanders — schreven van Afrika uit: „Uw boek is goed,
maar de plaatsing van het portret is een groote fout. De boeren vinden, dat
men Kruger\'s kop veel te veel te zien krijgt en het is al erg genoeg dat hij
op de munt staat."
Ter verklaring van dat gevoelen denke men o. a. aan den Oud-Testamenti-
schen geest van dit merkwaardig volk en aan Exodus XX vers 4, waar het
maken van „gesneden beelden" en „gelijkenissen" door Israëls God verboden
wordt.
Of het zich op deze wijze houden aan den godsdienst goed is, of het nog te
weinig is, of het overdreven is ? — Ziedaar vragen, die wij niet beantwoorden
willen, noch kunnen. Een ieder denke er het zijne van. Eéne zaak is onbe-
twistbaar — het ware te wenschen, dat er wat minder publieke vooroordeelen
werden geveld over dergelijke netelige onderwerpen.
De Boer is gelukkig, dat is voldoende; al heeft hij geen vrede op aarde, laat
hem dan de hoop behouden, dat hij hem eens hiernamaals deelachtig zal worden.
Hij is van nature bedaard en niet erg spraakzaam, doch gaat hij in het
gouvernementsgebouw te Pretoria, of te Bloemfontein aan \'t beraadslagen
over politieke toestanden, dan als met ratelslag rollen hem de woorden uit den
mond, en er worden zulke lange speeches afgestoken, dat men zich in het
Binnenhof te \'s Gravenhage zou wanen!
En nu een kort woord over de Afrikaansche taal. Mag ik beginnen met u
een lofdichtje op die taal te citeeren, dat dient als inleiding op een Afrikaansche
grammatica? Het luidt:
1.
:l.
„Gen Hollans, Duits of Frans,
Gen Engels, of Javans,
Gen Kaffers, of Boesmans.
Al goi jij almal in die skaal,
Ver ons kan sulle nooit ophaal
Die ware Afrikaanse Taal.
Ofskoon gen een dit leer,
Mar ongepermitteer
Verfoei, verknoei, onteer;
Ons Moedertaal blijf daarom goed:
Ons taal zit in ons murg en bloed,
En groei nog op in te\'enspoed.
Ofskoon ons taal hier blijf,
En iedereen dit skrijf,
Net na die wind hom drijf;
Die Afrikaans blijf daarom reg:
Wat regtig goed is wort nie sleg,
Al trap jij hom, of goi hom weg.
En twijfel jij hieran?
Mijn lieve goeie man,
Vat jij die boek dan anl
Ek wet as jij ons spraakkuns leer,
Dat jij gen taal so hoog sal eer,
Nou kom, seg: .Top! man; en probeer.\'
Duidelijk blijkt ons uit alles, dat de Afrikaansche taal tot stam heeft onze
Oud-Hollandsche taal. Doch wat al vermengingen hebben er plaats gehad, en
hoe schrikkelijk is dat Oud-Hollandsch hoofdbestanddeel vermengd met galli-
cismen, germanismen en anglicismen.
Zonder twijfel is het een leelijk, gruwzaam vermengd dialect, maar toch
— gaat het u, als mij — toch ligt er voor ons, Hollanders, iets afkeurens-
waardig-aantrekkelijks, iets zonderling-grappigs in, zoo te hooren omspringen
met onze taal, en het is daarom alleen, dat ik het navolgende, vreemdsoortige
versje wil overschrijven uit Theod. M. Tromp\'s „Herinneringen".
Het is getiteld: „Kerel, pas op."
Ken Boerentypo.
Het voornaamste dagmaal, ons z. g.
„middag"maal, wordt meestal eerst \'savonds
gebruikt, waarna de Boeren zich spoedig ter ruste begeven. De meest gebezigde
drank is koffie; bier of wijn komt zelden voor, wel zelfbereide brandewijn. De
thee laat zeer veel te wenschen over.
Onlangs vergeleek iemand de Boeren met de oude Germanen, als geschetst
in Tacitus, want ook zij slaan den raad der vrouwen niet in den wind. Na de
annexatie van \'77 zouden de Boeren misschien in de heerschappij van Engeland
hebben berust, als er geen vrouwen waren geweest, die haar mannen, en zoons,
en schoonzoons aanzetten, „om den Rooinek te verjaag." Een tweede karakter-
trek, die in Tacitus wordt vermeld en dien men bij den Boer terugvindt, is,
dat hij graag de ruimte heeft. Liefst beschikt hij over 5000 a 10000 morgen
land.
In de geheele Transvaalsche oeconomie bemerkt men bij den eersten oogop-
slag iets patriarchaals. Huisgezinnen met 20 kinderen vormen geen zeldzaam-
heden ; kinderlooze huwelijken daarentegen veel meer.
Men huwt er al heel jong. De jongelingen meestal onder de achttien jaren,
de meisjes soms al vóór haar vijftiende levensjaar. Door de geheele levensro-
man van nagenoeg eiken Transvaler loopt een band, die het sprekendste
getuigenis aflegt voor zijne huiselijkheid en de liefde, die hem steeds verbindt
aan zijn gezin en aan zijne familie.
De weeskinderen worden altijd door andere families opgenomen en komen niet
ten laste van den Staat, want elk huisvader stelt er prijs op een groot gezin te
bezitten, waardoor het Transvaalsche volk zich krachtig ontwikkelt en uitbreidt...
Hij is trots op het gezin, dat hij het zijne noemt: daarin, en daarin alleen
vinden zijne sociale en politieke denkbeelden hun uitgangspunt. Evenals onze
voorvaderen, stemmen zij nog in met dien ouden dichter, als hij zong: „Onze
eigen haard is goud waard."
Onder de echte Transvaalsche Boeren treft men geen lieden aan, die een
bepaald beroep uitoefenen. De meesten zijn „vee"boeren, en verrichten zelf
die bezigheden, waarvoor wij ons wenden zouden tot\'n metselaar of loodgieter,
tot \'n schilder of timmerman....
Godsdienst, dat is het voornaamste, waarmede de Boer zich bezighoudt,
zoodra zijne kudde in veiligheid is — dat is het, waarover hij spreekt met zijne
echtgenoote, met zijne kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen-----
waarin zijne ziel opgaat___
Streng houdt hij zich aan alles wat in den Bijbel staat. Toen de Nederl.
Zuid-Afrikaansche Vereeniging in 1892 haar .Leesboek over geschiedenis voor
„Ek ken \'n meisie, mooi en klein,
Pas op!
Nou is sy grof, net nou weer fijn,
Pas op! Pas op!
Betrou haar nou,
Dan fop sij jou.
Sij het twe ogies, bruin en saf, >)
Pa» op!
Eers loer sij skuins en dan weer af,
Pas op! Pas op!
Sij sal jou fop,
Jou eselskop!
So fijn nes gouddraad is haar haar,
Pas op!
En wat sij seg dit jok sij maar,
Pas op! Pas op!
Betrou haar nou
Dan fop sij jou!
Haar halsie is so wit as ijs,
Pas op!
Sij weet oek hoeveel sy moet wijs,
Pas op! Pas op!
Betrou jij haar,
Dan is dit klaar.
Geef sij jouw een mooije kans,
Pas op!
Want vraag jij haar... dan draai sij om,
En jij \'s gefop,
Daar loop jij heen
Met een blouwe skeen!\'
„\'n oü Rot."
Nu en dan ontdekt men zelfs woorden in de Afrikaansche taal, die een
Deenschen, Zweedschen of Spaanschen wortel doen vermoeden.
Men treft, evenals bij ons, in de verschillende deelen van Zuid-Afrika natuur-
lijk ook weder verschillende dialecten aan.
Door de welwillendheid eener dame, die kort geleden van Transvaal terug-
keerde, ontving ik een werkje, getiteld „die Loergaatje van die Meelaatse". De
gansche, typisch beschreven geschiedenis hier af te drukken, zou te veel ruimte
eisenen. Toch kan ik de verleiding geen weerstand bieden, om hier eene
\') „Sar beteekent: zacht.
-ocr page 15-
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189 6.
11
reclame over te schrijven, voorkomende aan het einde van het bedoelde boekske.
Zij gold ,Moeder Seigel\'s werkende pillen."
Met groote letters stond er boven het reclame-episteltje: „Caroline, jij zil
NOOIT WEER GEZOND WORT NIE."
„Als daadie brander my raakslaan, dan spoel ik weg en verzuip*ik!"
„Dit was die uitroep van \'n matroos wat nog vastgeklouw het aan \'n ge-
strande schip al half onder die water, toet hij \'n eiselijk groot bronder na zij
kant toe gezien rol het. En toch het hij geleewe om veilig die storie aan wal
te vertel.
„Aankomde week om die tijd zil ik dood wees!"
„Zoo het \'n zeker vrouw in \'n tijd van groot angst gezê. En toch het zij
ook geleef — en leef nou nog — om van haar toestand te vertel.
„Hier is haar storie, zoos zij dit in haar eije woorde en op haar eije ma-
nier vertel het. Zij zê: „Een dag in September, 1887, staat ik boo op die
elfste trappie van \'n hooë stoep, net op die punt om af te klim. Moet eens
wort ik duizelig, dit was alsof die heele wereld om mij heen draai; en ik slaat
neer. Ik het boo van die trappies af na onder toe gerol, en toet helle mij
optel was mij een arm af en ik was flouw. Die dokter schrijve rus en stilte
voor; en \'n paar daaë daarna was ik weer beter, maar was nog zeenewie-
achtig van die schok wat ik gekrij het.
„Toe begin allerande soorte van slechte teekens hellezelf aan te toon.
Daar was \'n ongemakhjke gevoel oor mij heele lijf, wat ik nie kan beschrijw\'
nie: mij aptijt was weg. Daar was \'n slechte smaak in mij mond; pijne in
mij zije, in mij rug en op mij bors; mij tong was geel en mij maag het zwak
en slech gevoel. Ik was lusteloos en neerslachtig en vol angstigheit en vrees
zonder dat ik daar \'n bijzonder reede voor kon gee. Die dokter wat ver eenige
maande oor mij gegaan het, het gezê dat dit zeenewieachtige zwakheit was
wat deur die schok ontstaan het.
„Ik wort toe erger in plaas van beter, en het toe na die Hospitaal wat in
die Whitechapel Pat, London, is, gegaan, waar ik ver baain maande \'n buite-
pacent was, maar al hoe erger gewort het. Die dokters het gezê mij ziekte
was schok, inflemaasie in die leewer en zwakkigheit. Daarna het helle mij na
die Herstellingshuis op Brighton gestuur, waar helle veertien daaê oor mij
gegaan het en mij weinig of g\'nstuk goed gedaan het nie. In \'n korten tijd
het ik toe begin moedeloos te wort en mij man en andere mense wat na mij
kom kijk het, het gedoch dit was als klaar moet mi/j. En zoo het dit toe van
maand tot maand voortgeduur; elk \'n week heb ik verwach zou mij laatste
wees. Meer dan één keer het ik ernstiglijk aan mij zelf gezê, aankomende
week om die tijd zil ik dood wees!
„Ik het toe g\'n verder belang in aardse dingen gestel nie; maar God-
dank! Ik het \'n goeije man en \'n goeije wooning. Mij man het mij elk \'n
dag van die kooi afgetel en op \'n sofa gele, en het bebeer om mij op te ruim
en mij oor te praat dat ik weer beter zou wort. Maar van dat ik gezond
gewort het, het hij mij vertel dat hij nooit in zij hart zij eije woorde waar-
lijk gegloo het nie.
„Mij zuster het ook dikwijls gekom om mij te zien en het alles gedaan
wat zij kon om mij lijdinge te verzach; maar zij kon nie weerstand bied nie
teun wat haar eije ooë kon zien nie, en dorm het zij dikwijls gezê: „Caroline,
jij zil nooit weer beter wort nie."
„Maar wie kon daarvoor om verslachte van die laste en droevigheede van
ander mense te lees? Ons het elkeen genoeg van onze eije om onder tebuië.
En darom smeek ik net nog jou aandach ver\'n paar minuute meer.
„Op die manier het ik voortgegaan — nes een wat op die rand staat van \'n
oope graf wat aan die inkrummel is — tot is Feeberwaari 1890, toet iemand
\'n klein boekie in onse winkel lat blij het, waarin daar oor die wonderlijke
genezingen van Moeder Seigels Heelstroop geschrijwe was. Die verhaal van die
Diener op Holyhead het \'n groot indruk op mij gemaak. Ik het toe aan mij
man gezê: „Die kwaal wat die diener aan gelij het is die kwaal waraan ik
lij. Die middesijne wat hom gezond gemaakt het kan ver mij ook misschien
gezond maak.
„Ik stuur toe zoo na Lacy ze apteek in die Whitechapel Pat, om \'n bottel
te haal. Die eerste bottel het mij al gedoen al. Ik kon weer eet; maar wat
nog beter was, ik kan mij kos verteer. Eers, als ik \'n mondvol harde kos
neem, dan was dit nes die kos in wind of in zuursel of gas verander het, en
het dit mij zoovel pijn gegee dat ik mij verbeel het dit was die hartkwaal.
„Ik het aangehou moet die middesijne, en na ik zes bottels gebruik het was
ik beter dan ooit te voore. Ik kan nou net zoo smakelijk eet als eenige mens,
en voel nooit meer naar na die eete nie.
„Om die waarheit te zê, ik kan nou \'n flukste hoopie kos weglaar, en jij kan
jou voorstel watter \'n genot dit is na ik zoo lank niks kon eet nie.
„My man en mij familie en onse buure is ammal van mij opinie — dat
Moeder Seigels Stroop mij lieve gered het.
„(Geteekend) Mrs Carolina Sage,
die vrouw van M\'nheer Henry Sage, Mantjeraaker en Papierverkooper, 200
Whitechapel Pat, London."
Vindt ge dit niet goddelijk geschreven? En heeft het bovenstaande, niet op
u — evenals het „verhaal van die diener op Holyhead" op Carolientje — „\'n groot
indruk gemaak?"
„Onze Picnic" — is de voordracht, die dezelfde bereidwillige hand my
toezond. Zij werd vervaardigd door Boet.
„Dis vroeg in die morre, die zon \'s nog nie op:
Ek schrik wakker en kijk na die klok boo my kop;
Dis vier uur, zoo waar, en half vyf moet ons trek,
Want anders dan kom ons te laat op die plek.
Alla mattie! Ek gee met één sprong uit die kooi,
Hartloop na dio venster, die weer is net mooi!
„Januari, April \'), is die osse al daar?"
„Kleinbooi zal jij gouw maak: Maar hoor jul is baar!"
Een. twee, drie is dio mandjes en trommels gepak
Sasaties en koek en zoet-wyn en tabak.
Dis klaar om te trek, maar die vrouws is weer laat,
Hier staan hul te draai en daar staan hul te praat.
In die dorp moet ons nog een vrag nooiens oplaai
Grietje Raap, Kaatje Nyiperd en Sannie Kabaai;
Die meesto van hulle zal zeker nog slaap,
En jul zeker nie waar woon Kato van oom Jaap!
Om zes uur is eind\'iyk die span bymekaar;
Gepak soos sardiens in een blik zit hul daar.
Of, zooals die Engelsman ook seh, „close by,"
Maar geen een het geseh hy zit te nauw, raai!
„Laat vat maar, Januari. Trek Duitschland! Rinkhals!
Jan waar \'s jou concertina? Kom speul ver ons een wals;
Al kan ons nie dans nie, ons zal hom maar zing,
Van die „vaal haar en die blou ooë", jul ken mos die ding."
„Nee kyk hier," skree Grietje, „ek hou van een grap,
Maar zoo moet jul daarom myn toone nie trap."
Dis gemeend ver Piet Losbos wat langen haar zit,
Hy ïyk toen net bok-af, en word sommar wit.
Maar ons praat nog en terg hul en lag om dio grap,
En daar voel ek op myn voet ook saggies oen trap.
Ek kyk net na Grietje en zien dit is zy,
Al seh zy „O, kyk toch wie gaat daar vorby!"
Toen wy daar een ou oom verby op een draf:
Ons groet en haal almal ons hoed ver hom at\'.
„Goeie morre ou oompie! Waar ry jy zoo vroeg?
Is jy een ou weeuw\'naar, hier \'s nooiens genoeg!"
Kom, Jan, kerel, seh nog een vers ver ons op.
„Van ou tante Letje haar ouma haar kick,
Of anders maar van die ou dorpspredikant,"
Jan hoes eers. en stryk toen zy kin met zy hand.
Hy wil net begin, maar daar gooi malle Bet
Hom net mooi in dio oog met \'n amandel-banket,
Hy het haar beloof dat dit haar zou berou,
En ek wil jul vertel hoe hy woord het gehou.
Want toen ons die dag van die ete opstaan
Toen roep hul kom laat ons die bottol gaan slaan,
Hul hang dan een bottel daar op aan z|j kop,
Bind een doek om jou ooë, en gee jou oen stok.
Nou kom Bet haar beurt ook. Jan bind die doek om
En fluister ver Sannie om nader te kom,
Zy verstaat hom sommar en gee Bet een zoen,
Maar mense die nooi ïyk toen nes een kalkoen.
Zy ruk die doek af en zy loop wat zy kan.
Want zy denk mos die zoen kom van niemand als Jan,
Hy wou haar weer paai en breng koek en spaanspek,
Maar dan draai zy haar rug om. en seh hy is gek.
Ons dans toen een polka nog fluks met mekaar,
Ja die zand en die klippers waar hot en waai haar,
Die ou mense zit op die stoele en kyk,
En het net zoo veul pret nog als ons, zoos dit Ïyk.
En toen die tyd kom om weer huistoe to gaan,
Toen was dit nog lang met die pret nie gedaan,
Dit was versies opseh en concert en gezang,
En geneen het gekla nie die pad is te lantr."
\') De boeren kunnen de namen der Kaffer-knechten lastig uitspreken, daar ze bestaan
uit een wonderlyk samenraapsel van klanken. Hy geeft ze meest den naam van de maand,
waarin ze by hem gokomen zyn. Kleinbooi, beteekent loopjongen, halfwas, nog geen
volslagen dienstknecht.
-ocr page 16-
12
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN
18 96.
V. Oom JPa/ul en Jonbert.
*
plaats, waar slechts 500 Boeren op minstens 12000 Zulu\'s eene schitterende
overwinning behaalden.
In 1842 werd Kruger veldcornet en van 1848 tot \'52 deed hij dienst als
commandant van het Leger. Daarna was hij tot \'62 luitenant-generaal, en na
dien tijd commandant-generaal en lid van den uitvoerenden Raad.
Sedert 1874 was hij Vice-president, en in 1883 werd hij benoemd tot Staats-
E beide namen, welke wij boven dit hoofdstuk plaatsten, behooren
aan mannen, wier daden sedert den „Roodbaaitjes" in 1881 zulk
een gevoelige afstraffing was toegediend, met toenemende sym-
pathie werden gevolgd. Ik zal, met het oog daarop, u misschien
dienstig zijn door enkele brokjes hunner levensgeschiedenis mede te
niet or
deelen.
Kerklaan te Pretoria.
president. In dichtmaat beval men
toenmaals zijn canditatuur warm a
Ziehier:
„Burgers van Transvaal
!
Geen verraaUerü
Kies jul generaal!
Sal hom ooit verlij.
Kruger is die man,
Goed sal hy regeer;
Die jul redden kan!
Godsdiens sal hy eer.
Kies die dappre held;
Dan kom na die druk,
Kaffers uit die veld!
Voorspoed en geluk;
Redder van die land,
Dan strooi weer Gods hand
Helder van verstand,
Segen o\'er die land;
Hart vol moed en krag,
En jul kinders sal jul pr(jse,
Trou an sijn geslag;
En an God die dank bew\\)se!
Gezicht op het Burgerspark Ie Pretoria.
Zoouls bekend is, is de eigenlijke naam van Oom Paul — Stephanus Johan-
nes Paulus Kruger. Hij is het type van een Boer, met een breeden, krachtigen,
schranderen kop, karakteristiek omlijst door een tamelijk langen, zilveren
ringbaard.
Hij werd geboren den 25**ten October 1825 in de Kaapkolonie (district
Colesberg), en was de zoon van een Boer.
Wetenschappelijke opvoeding heeft Paul Kruger weinig of niet genoten; des
te beter leerde hij met het geweer omgaan en zijn dapperheid, zoowel als
zijn gezond verstand was oorzaak dat hij weldra een der leiders van zijn
volk werd.
Zooals wij uit de voorafgaande artikelen zagen, leefde bij de Boeren steeds
het onuitroeibaar besef van vrijheidszin. Als man van eer, als man van karakter,
kan de Transvaler het eenmaal niet dulden zich te moeten schikken naar een
hem opgelegde heerschappij, en
het was daarom dat men in 1835
besloot naar den Oranje-Vrijstaat
ian.
"Wat toen werd voorspeld is bewaarheid geworden, schitterend bewaarheid.
Kruger is de man geweest, onder wiens bestuur redding is komen opdagen,
onder wiens regeering een zon-
-r——;—~—r—---------: [ nestraal is gevallen op het Trans-
vaalsche geschiedboek, dat tot ons
spreekt van een aaneengescha-
kelde opvolging van rampen en
zorgen, van angsten en smarten.
Kruger is de man geweest, die
door helderheid van verstand,
door vastberadenheid, wilskracht
en moed trouw is gebleven aan
zijn heldenvolk .... Kruger is de
man geweest, die zonder draaierij
recht op zijn doel afging, die
goed geregeerd heeft en den gods-
dienst bleef eeren als het hoogste,
te verhuizen.
Paul Kruger, toen slechts een
knaapje van tien jaar, behoorde
•
ook onder de „trekkers," zoodat
hij reeds van zijn jeugd af al de
lotswisselingen van zijn volk
deelde.
Zijne stamgenooten trokken in
1837 naar Xatal, met het plan
om van den in de geschiedenis
der Transvaler* maar al te zeer
bekenden Dingaan, koning der
Zulu\'s, een stuk gronds te koopen
of voor vee te ruilen, ten einde
zich aan het gebate Engelsche
bestuur te kunnen onttrekken.
Aan Pieter Retief werd opge-
dragen naar Dingaan toe te gaan.
Alles kwam in orde op ééne acte
na, daarvoor moest Retief nog
eens terugkomen.
Dit geschiedde, en een geleide
van een zeventigtal ferme Boeren
werd hem vanwege de regeering
verstrekt.
\'< ffilï44l
als het beste, als het edelste, en
hij was ook de man in wien het
■!;. l\'IBin
fl.L                I m;
nageslacht der kiezers van \'83,
den „right man on the right place"
zal erkend hebben — waarvoor als
beste bewijs kan worden aange-
lm.
\'                   T
2 ***mj8r
►JL"*r -» \';«-
voerd, dat hij in \'93 voor de derde
maal als President werd herkozen.
Hij, oom Paul, is de verpersoon-
lijkte eenvoud in manieren en wan-
del. Eerlijk en oprecht zijn, dat is
Gouvernemontsgoljouw te Pretoria.
zijn prijzenswaardig hoofddoel, en
daardoor bezit hij de gewenschte
hoedanigheden voor den verantwoordelijken post, welken hij nu reeds twaalf
jaar bekleedt.
In 1846 huwde hij met Mejuffrouw Du Plessis, welk huwelijk hem 9 zonen
en 7 dochters schonk. Als men weet, dat hij ongeveer een 50-tal kleinkinderen
bezit, kan men hem een waar patriarch noemen.
Ik wensch u een paar staaltjes van zijn eenvoud te schilderen, die ik van
verschillende zijden vernam:
De heidensche Zulu-koning ontving deze deputatie allervriendelijkst en noodigde
ze uit op een groot feest. Hieraan werd voldaan, \'t ging er opgewekt toe, men
at en dronk en amuseerde zich kostelijk, totdat op een gegeven teeken des
konings een troep Zulu\'s aanrukte, die al de Boeren op verraderlijke wijze om
het leven bracht.
Aan den strijd door de Transvalers tegen dezen ellendeling gevoerd, nam ook
de jonge Kruger deel. Den 16den December 1838 had de slag aan Bloedrivier
-ocr page 17-
\' «
is
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189 6.
*
steden, de menschen met een lantaarntje gewapend door de straten loopen.
Aan beide zijden der wegen zijn slootjes aangebracht met vlietend water.
In een der eenvoudigste, minst sierlijke huizen houdt Oom Paul verblijf.
Mag deze woonplaats „dood-gewoon" genoemd worden, zijne kleeding zou u
nauwelijks doen gelooven, dat ge stond tegenover een Staatspresident.
De groote vroomheid van Paul straalt weder door uit het feit, dat hij op
een veld een kleine kapel heeft doen bouwen, waar hij gewoon is voor zijne
bloedverwanten en de naburige Boeren zelf te prediken.
Iemand, die recht tegenover het huis van Oom Paul gewoond heeft, vertelde
mij, dat hij des morgens ten zes uur voor zijn huisdeur audiëntie houdt.
Dan dragen de Boeren hunne belangen aan hem voor, en met de grootste
belangstelling staat Kruger hen te woord.
Steeds staat er een groote ketel koffie gereed, ten dienste van hen, die op de
buiten-audiëntie komen.
Toen onlangs een jeugdig geleerde, die den president in zijn klein lieftallig
huisje te Pretoria een bezoek bracht, de eenvoudige zitkamer binnentrad, — zag
hij den grijzen staatsman, wiens vonkenschietende oogen evenwel niets van
een grijsaard hebben — kalmpjes zijn pijp rooken.
Na de gebruikelijke plichtplegingen informeerde hij naar de resultaten der
studiën, en begon een opgewekt gesprek.
Plotseling tastte hij in zijn zak, haalde er een handvol tabak uit te voor-
schijn — een tabakszak bezit „Oom Paul" niet — en noodigde den geleerde
uit eens te stoppen....
Paul Kruger houdt zeer veel van wandelen, \'s Morgens in de vroegte zijn
de Kerk laan, of anders het prachtige nieuw aangelegde Burgerspark punten
van groote attractie
voor hem.
Des morgens en
des avonds kan men
den president inallen
ootmoed zien lezen
in den bijbel, \'t Is
een kenteekenend
groepje, stel ik mij
voor, in die binnen-
kamer.
Oom Paul met
den bijbel, gedrukt
op Oud-Hollandsch
papier, in reusachtig
formaat, op de
knieün, en daarom-
heen, in een halven
cirkel geschaard,
zijne familieleden.
Kn als het lezen
gedaan is, en de
laatste klanken zij-
ner krachtige, hel-
dere stem zijn weg-
gesmolten, dan
knielt hij met zijne
huisgenooten neer,
zich buigend diep in
\'t stof om van de
Omtrent zijne onverschrokkenheid las ik onlangs het onderstaande:
In den strijd tegen de Engelschen had Kruger aan hot Kaffer-opperhoofd
Hollind«che kerk te Pretoria.
Magata een [order opgedragen, die door dezen uit vrees voor de Engelschen
niet werd uitgevoerd.
Daarvoor moest Magata worden gestraft. Door slechts enkele mannen ver-
gezeld, gaat Kruger naar de woning van Magata. Intusschen waren honderden
gewapende Kaffers toegesneld om hun opperhoofd te verdedigen.
Paul Kruger pakte hem bij den arm, en zeide tot zijne mannen: „Pakt hem,
hij is onze vijand." Een der Kaffers stond met een opgeheven wapen, om het
hoofd van Kruger in tweeën te kloven, maar werd daarin door de andere
zonen van Magata en zijne raadslieden verhinderd.
Toch bleef Kruger kalm, en toonde niet de minste vrees, al was zijn vijand
allerminst licht te achten.
Stcfanus Johannes Paulus Kruger.
Opperste Wijsheid
datgene af te smee-
ken, wat hij noodig heeft, zoowel voor zijn huiselijk, als voor zijn staatkundig
en maatschappelijk leven.
\'t Is eenigen tijd geleden.
Eene dame komt bij juffrouw Kruger een bezoek afleggen, en wordt reeds
in het voorportaal door de gastvrouw ontvangen, die met hare handen een
Men verhaalt nog, dat „Oom Paul" na het sluiten van den voor Engeland
zoo smadelijken vrede van 1881 met een Engelschen veldprediker en een paar
officieren het volgende gesprek had.
De Engelsche heeren kwamen hem gelukwenschen met de teruggave van
het land. Ook het gevecht op den Majuba-berg, waar een handjevol Boeren
een roemrijke overwinning op de Engelschen behaalden, kwam ter sprake.
Een der Engelsche officieren schreef de nederlaag hunner soldaten daaraan
toe, dat zij geen ammunitie meer hadden. Kruger wist dit echter wel beter,
en zei: „dan moet ik zeggen, dat Hare Majesteit de getrouwste troepen
heeft, die er op de wereld te vinden zijn; Hare Majesteit heeft zeker zonder
twijfel order gegeven, om een zeker aantal patronen voor de Boeren te
bewaren; want uwe soldaten hebben zich waarlijk liever laten doodschieten,
dan die orders te overtreden, daar wij de voor ons bestemde patronen nog in
hun tasch hebben gevonden."
Ik wensen u nog iets na te vertellen uit Kruger\'s leven. Wie hem ziet, zou
vermoedelijk niet denken, dat achter zijn goedmoedig gelaat zooveel scherp-
zinnigheid en gevatheid schuilt.
Sir Bartle Frère, een Engelsch gouverneur, liet hem tijdens zijn bezoek te Kaap-
stad bij zich roepen. Aan dit verzoek werd geen gevolg gegeven, en toen hij voor
de derde maal weder eene uitnoodiging ontving, zeide hij tot den boodschapper:
„Vraag aan uw meester, welke Sir Bartle Frère mij wenscht te spreken:
Hij, die verklaard heeft te Kleinfontein in het district Pretoria, dat hij in
denzelfden God gelooft, en niet gekomen is om met geweld te werken,
maar met rechtvaardigheid, of hij, die volgens het Blauwboek heeft geschreven,
dat hij te weinig troepen en kanonnen had, daar hij anders de Boeren uit elkaar
gejaagd zou hebben; of het die Sir Bartle Frère is, die in een memorie aan
Hare Majesteit verklaard heeft, dat hij omtrent 5000 Boeren gevonden had, die
Markt to Prctoriu.
stuk deeg omklemd houdt. Zij verontschuldigde zich daarover met de opmer-
king, dat ze „juist bezig was met bakken."
Na een poosje over alles en nog wat te hebben gebabbeld, noodigde ze hare
bezoekster uit een kopje koffie te blijven drinken.
Zij ging intusschen persoonlijk met een kopje naar buiten om den schildwacht
•ook eene kleine verkwikking te geven....
Zooals men weet, woont Paul Kruger te Pretoria. Voor straatverlichting is
daar nog niet gezorgd en zoo ziet men \'s avonds, evenals voorheen in onze
-ocr page 18-
14
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189 6.
zes weken op hem gewacht hadden, dat dezen behoorden tot de voornaamste
Boeren van het land, en dat hij hunne memorie opstuurde, omdat deze waardig
was door Hare Majesteit in ernstige over-
weging genomen te worden, of die SirBartle
Frère, die in een brief in het Blauwboek
gezegd had, dat het maar een klein klompje
oproermakers waren, die menschen onstuimig
maakten, en dat de meerderheid der bevol-
king tevreden was. — Zie, vraag uwen
meester, wie hij is?" ....
„Wat hebt u ze kranig geslagen."
„Niet zóó goed, als we gewild hadden," antwoordde de President met een
fijn lachje, dat over zijn grofgesneden maar toch zoo edelaardig gelaat gleed.
„Niet zóó goed als we gewild hadden, want dan hadden we hun den lust
moeten ontnemen om nog eens te beginnen."
„Gelooft u dus, dat ze nog eens zullen beginnen?"
„Vroeg of laat, ja. Transvaal is een land van toekomst. Onze grond bevat
zooveel rijkdommen, als men nauwelijks vermoeden kan. Zoolang die rijk-
dommen niet geëxploiteerd worden, zullen de Engelschen zich stil houden,
maar zoodra die rijkdommen bloot komen te liggen, zullen de Engelschen
trachten te knevelen. Nu al dringen ze van alle kanten op ons aan en bij
ons in. Tegen de lucht kan men tochtlatten maken, maar wat kan men doen
tegen het Engelsche indringen? Als het oogenblik gekomen zal zijn, zal men
zoogenaamd de Britsche onderdanen komen helpen, wier rechten men zal zeggen
dat door ons aangerand zullen zijn.
Doch, ik heb hier in het land van mijn oorsprong weer de spreuk aan-
schouwd „Je Maintiendrai" en ook wij zullen handhaven."
Van dit Figaro-bericht moge waar zijn, wat er waars in is, doch zeker is
het dat Paul Kruger ons weer bewezen heeft, wat het is, wat het beteekent:
„Je Maintiendrai", want wat juichen wij anders toe in onze Transvaalsche
broeders, dan hun moed, hun vrijheidszin en hun onverschrokkenheid, welke
zij betoonden, telkens als het gold de onafhankelijkheid te bewaren, die hun
door list en sluwheid dreigde ontnomen te worden.
Maar welke waarde zouden onze toejuichingen bezitten, mijne lezers, wan-
neer wij niet bereid waren, evenals zij, onder gelijke omstandigheden het-
zelfde te doen?
En nu ten slotte nog een woordje over het bezoek der deputatie aan Rot-
terdam. Het zal niet onverdiend zijn, omdat de handelsstad, anders in het feest-
vieren zoo achterlijk, haar beste beentje voorzette, waar het gold een spontane
hulde aan Kruger.
Men ontving de helden in de Groote- of St. Laurenskerk, en krachtig klonk
Oom Paul\'s stem, door die forsche kerkgewelven:
„Mijne heeren en vrienden,
Ik zeg u, namens mijne medeleden der deputatie, ja, namens het geheele
volk van de Zuid-Afrikaansche Repu-
bliek dank voor zooveel blijken van sym-
pathie en voor de eer, die gij ons bewijst.
Ge weet, dat wij op dit oogenblik niet
behooren tot een verlaten afhankelijk
volk. Dat hebben wij den Allerhoogsten
te danken, en daarom was het ons lief,
in dit heilig huis des Heeren ontvangen
te worden. Ik zeg u daarvoor dank.
Van den dag, dat wij den voet op
Nederlandschen bodem hebben gezet,
zijn wij met bewijzen van welwillendheid
overladen. Wij maakten er uit op, dat
het bloed kruipt waar het wezen moet,
en dat men hier heeft getoond met ons
één volk te willen zijn. Zoo zij het!"
Paul Kruger ondernam in 1884 een reis
naar Europa, vergezeld door den intendant
van onderwijs, den bekenden vechtgeneraal
van 1880, Smit, en nog \'n paar Boeren.
Zijn hoofddoel was Engeland — want daar
moest de conventie onderteekend worden.
Doch waar hij zoo dicht zijn zou bij Hol-
landschen bodem, kon hij den lust niet weer-
staan om ook daar voet aan land te zetten.
Wij herinneren ons nog die feestelijke ontvangst, hem duor onze landgenooten
bereid; wij herinneren ons nog, hoe we er trotsch op waren, die stoere mannen
in ons midden te zien, waarvan we reeds zooveel hadden gehoord en gelezen.
\'t Is altijd iets aantrekkelijks, wanneer men zich in \'t bijzijn van \'n vorst
bevindt. Men voelt sympathie voor zoo iemand, men voelt dat hij hoog staat,
en uitsteekt ver boven het alledaagsche. Maar toch — ik spreek niet van
allen — hoe weinig blijft er over van dat hooger staan dan anderen, als men
dien staatsierok wegdenkt, als men hem ontdoet van dat goud en zilver, van
dien gepluimden steek ... misschien, misschien ... hoedanigheden, die staan onder
het niveau van \'t alledaagsche ....
Paul Kruger ziet ge, zooals hij is. Nooit draagt hij \'n staatsiekleed, altijd \'n
heel eenvoudig jasje, dat \'n gewoon kantoorbediendetje eerst nog dikwijls drie-
maal bekijken zou, voor hij het zou aantrekken.
Maar denkt ge het weg, dan blijft er over: een verstand, uitblinkend door
scherpzinnigheid, een hart vol rechtvaardigheid en goedheid, \'n gespierd lichaam,
dat bestand is tegen moeite en zorgen, en niettegenstaande zijn één en zeven-
tigjarigen leeftijd in staat tot het verrichten van daden, getuigend van per-
soonlijken moed en dapperheid; een karakter, vol hoedanigheden waarop menig
ander vorst jaloersch zou mogen zijn — een karakter, hetwelk zich kenmerkt
door beslistheid, vrij van veranderlijke invloeden, van alle besluiteloosheid ....
Hij, de Boer-staatsman, staat door de kracht van zijn karakter ver boven
zijne tegenstanders verheven, want al zijne handelingen getuigen van gematigd-
heid en rustige kracht.
Herinnert ge u nog,
ontvangen ? Kunt ge
hoe deze ïransvaalsche deputatie te Amsterdam werd
het u nog te binnen brengen, hoe zij toen ook eene
vergadering bijwoonde der vereeniging „Patrimonium", waarin Dr. Kuyper
haar een vaandel aanbood, waarop de spreuken stonden: „In God zullen wij
kloeke daden doen" en „Eendracht maakt macht" — klinken niet weder die
woorden in uwe ooren, die Kruger toen sprak?
„Mijne vrienden, zusters en broeders, na al wat ik gehoord heb is mijn hart,
ja, ik zal zeggen overstelpt.
„Smeekende en in het stof kruipende, hebben wij de Memorie tot de koningin
Victoria gericht. Maar zij werd niet verhoord. Toen hebben wij gezegd: laat
ons zoo eenparig, als tot de koningin, opgaan tot onzen Verlosser. En wij
hebben allen te zamen gebeden. En toen zijn we begonnen te strijden, en we
zijn verhoord.
Want wij hebben overwonnen; ja, doch wijzelf hebben niets gedaan, de Heer
heeft voor ons gestreden. Laat elk gesticht worden in het geloof. Waar de
Heidenen den Heere aanbidden, laat ons daar niet achterblijven. De Heere
regeert en zal regeeren in eeuwigheid."
.....Toen stelde Dr. Kuyper hem het vaandel ter hand. „In God zullen wij
kloeke daden doen" — zoo sprak hij — „welnu, gij, Transvalers, doet kloeke
daden. Geef mij de hand, President, en met die hand de belofte, dat deze
vlag nooit zal komen in handen van den Brit."
Dat was een plechtig oogenblik.
De toegestoken hand werd krachtig gedrukt, heel lang, en daar lag in uit-
gedrukt: „twijfel toch nooit aan mijne belofte." Hoe schitterend werd zij dezer
dagen verwezenlijkt! Uw vlag, Patrimonium, is nog in hun bezit — moge zij
het altoos blijven....
De deputatie bezocht meer plaatsen dan alleen onze hoofdstad. Slechts van
enkele bezoeken wil ik iets aanstippen.
Te Delft bezocht men de Polytechnische school. Daarbij valt iets op te
merken, dat velen niet weten, misschien ook dat weinigen interesseert, maar
toch wensch ik het als eigenaardigheid hier te boekstaven.
De Transvaalsche heeren wilden eens gaarne weten hoeveel ze wogen. Eén
hunner betrad het eerst de weegschaal, het was de oud-generaal Smit, en de
evenaar duidde het niet onaanzienlijk gewicht van 103 KG. aan; Du Toit woog
82 KG. en „Oom Paul" verloor den wedstrijd met 69 KG.
Bij het bezoek van een meisjesschool te Arnhem — zoo verhaalde onlangs
de „Figaro" — had een Franschman gelegenheid Kruger te ontmoeten. Natuurlijk
kwam het gesprek op den strijd tegen de Engelschen.
Wat trok Smit, de welbekende vecht-
generaal in den Vrijheidsoorlog, de alge-
meene aandacht door zijn ferm militair
voorkomen, door zijne innemende wijze
verblijf in de Maasstad.
Generaal Smit.
van zich voor te doen, tijdens het
Op een diner, hem door de gemeente aangeboden, prefereerde Kruger zijn
gewonen tafeldrank boven al het andere. Hij had naast zich een kan met melk,
en terwijl de overige gasten hunne toosten uitbrachten met bokalen vol schui-
menden champagne, hief hij.... z\'n glaasje melk omhoog!
Kentschetsend zijn dergelijke opmerkingen voor \'smans karakter!
Den 18en Maart bezocht hij het Doofstommen-Instituut. De directeur dier
inrichting, de heer Je. Bikkers, was zoo welwillend nnj*, op mijn verzoek, in de
gelegenheid te stellen een afdruk te doen nemen zijner handteekening, bij dit
bezoek in het gewone, daartoe bestemde boek geplaatst.
-£*^*~
Genoemde heer Bikkers deelde mij eene eigenaardige bijzonderheid mede,
waarover „Oom Paul," wanneer hij het leest, zich wellicht verheugen zal.
Toen de President binnentrad werd hem door den zevenjarigen leerling
-ocr page 19-
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189 6.
15
Kruger\'s Eiland in de Hudsonrivier zou den naam dragen van dezen zeeheld.
De Deputatie heeft ook Duitschland bezocht. Omtrent Kruger\'s bezoek by
keizer Wilhelm I, weten de dagbladen mede te deelen, dat hij aan den keizer
werd voorgesteld door vorst Bismarck. Onmiddellijk nadat Kruger hem de
hand had gereikt, zou hij gezegd hebben: „Majesteit, gij zijt een grijsaard en de
vorst van een machtig rijk. De Transvaal is in vergelijking met Duitschland
slechts een kind. Een kind heeft behoefte aan hulp, en kan somtijds, als het
struikelt, zich niet alleen oprichten. Sire, verleen ons Uwe hulp, indien wij
daaraan eens behoefte mochten hebben."
;.; De President had \'t hart van den keizer getroffen. Deze drukte hem beide
J. F. P. Blankert een fraai bouquet aangeboden. Diezelfde Blankert, geboren
den 13en April 1876, toen doofstom, is zoover gevorderd, dat hij in het afge-
loopen jaar eind-examen deed voor de Hoogere Burgerschool met 5-jarigen cursus,
en thans aan de Polytechnische school te Delft studeert voor ingenieur-----
Niet minder eigenaardig
is hetgeen ik hier laat
volgen:
Op denzelfden datum
werd een bezoek gebracht
aan de Rotterdamsche Dier-
gaarde.
Toen de Deputatie, om-
stuwd door eene groote
volksmenigte, gekomen was
aan het gazon vóór het
Societeitsgebouw, werd de
heer Kruger door het Be-
stuur uitgenoodigd, aldaar
een boom te planten, die
den naam zou dragen van
„Transvaalsche boom".
Kruger aanvaardde de
taak, nam de spade, die met
de Transvaalsche kleuren
prijkte, en wierp, nadat de
boom in den kuil was gezet
eenige spaden aarde op de
wortels. Toen er op dat
oogenblik een daverend ge-
juich opging, riep „Oom
Paul" vol vuur: „Vrienden,
ge moet oyis nie verafgode
nie",
en sprekende in zijn
Z.-A. tongval, voegde hij er
aan toe, dat hij wenschte,
dat de boom welig zou tieren,
en die bloei hier zou mogen
beschouwd worden, als een
Het woonhuis van „Oom Paul.
handen en antwoordde: „Ik beloof \'t u, reken op mij en de mijnen."
Hij noodigde Kruger aan een feestmaal en deed hem recht tegenover zich
plaats nemen. De hovelingen zagen met verbazing dien burgerman, zonder
uniform of onderscheidingsteeken, met zooveel eerbewijs door den grijzen kei-
zer bejegend ....
Na afloop zijner Europeesche reis is Kruger teruggekeerd in zijne eenvou-
dige woning te Pretoria. Daar, in zijne studeerkamer, heeft hij verwerkt wat
\'ESCHDOORN (ACERPSEUSDO-PLATANUS, LlNN.),
(geplant door do Transvaalsche deputatie op 18 Mei 1884).
zinnebeeld zijner vriend-
schap."
Een onbekend gebleven Rotterdammer dichtte naar aanleiding daarvan toen:
„Daar staat ge dan, klein boompje, hier
Aan dezen zodenrand
Door Kruger, Smit, Van Esselen \')
Op 18 Maart geplant.
Wy heeten u hier wellekom
In welgemeende taal;
En zien hier blijde op u neer,
Als \'t beeld van de Transvaal.
GU staat hier in deez\' schoonen tuin,
Ofschoon nog jong en kleen,
Met \'t zelfde recht toch van bestaan
Als groote om u heen.
Wy wenschen u: groei welig op,
Bloei in den zonnestraal,
En blijv\' voor ons het zinnebeeld
Der kleine Staat Transvaal.
En moet ge al van tijd tot tijd
Soms storm en wind doorstaan,
Hef fier opnieuw uw kruin omhoog,
Al was \'t na een orkaan.
Houd stand, hier op uw eigen plaats,
Al woei uw kruin ook kaal!
Dan zien wy in u, kleine boom,
Het zinn\'beold der Transvaal.
Met welgevallen zien wy u
In Rotte\'s Diergaard staan,
Dat gy in grootte en in kracht
Steeds flink vooruit moogt gaan.
Dit wenschen en dit hopen wü;
En zien dan telkenmaal
Op u, als \'t ware zinnebeeld
Der republiek Transvaal."
KUkJes in Pretoria.
hij goeds had opgemerkt in den vreemde, daar heeft hij bij vernieuwing proe-
ven gegeven van zijne kunde als staatsman, en de wereld verbaasd doen
staan over hetgeen hij bewerkstelligde, en de wijze, waarop hij zijn land wist
te emancipeeren.
Sedert zijn twaalf jaren voortgesneld___
En wie zou gedacht hebben dat de wenschen, toen geuit, op dergelijke wijze
vervuld zouden worden. Het boompje heeft rekening gehouden met den vooruit-
gang van Transvaal, en ook omgekeerd: Transvaal met het boompje.
Reeds driemaal, zoo verzekerde mij de directeur, de heer A. A. van Bem-
melen, reeds driemaal is het hekje verwijd moeten worden, en de takken —
fraai hebben ze zich ontwikkeld, terwijl een prachtige bladerdos ze eiken zomer
gesierd heeft.... de boom is opgewassen, hoog voor zijn leeftijd, hooger dan
menige andere boom___
Goddank, dat het ook zoo gegaan is met de Transvaal.
De directeur der Diergaarde is meer dan tevreden over den bloei van dien boom;
Kruger kan tevreden zijn over den bloei, de beschaving en den vooruitgang
van zijn volk.
Waar de helden van den dag overal zoo gefêteerd werden — zuchtten ze
eens bij een diner: „Ons kanniet meer eet nu."
„Men zegt" — maar daarom behoeft het niet geloofd te worden — dat de
Krugers van koninklijken bloede zijn. Door koningin Christina van Zweden,
dochter van Gustaaf Adolf, zouden zij tot het huis Wasa behooren. De groot-
vader van Kruger\'s neef, die te Chicago woonde, was Commodore Kruger, een
Zweedsch officier, die de Amerikanen hielp om de Engelschen te bevechten.
Joubert....
Een even open en sympathieke verschijning, als de persoonlijkheid van „Oom
Paul", is die van den vijftigjarigen Paul Josias Joubert, den opperbevelhebber
der gezamenlijke Transvaalsche strijdkrachten.
Hij is in vredestijd een ijverig landbouwer, doch in tijden van oorlog een
strateeg van beteekenis, hetgeen hij roemrijk bewezen heeft in de gevechten
tegen de Kafferstammen van Malaboch en Magaji. En vooral door zijn toedoen
was het, dat men er in slaagde Malaboch, den dappersten Kafferhoofdman, in
1895 gevangen te nemen en hem geketend weg te voeren naar de gevangenis
te Pretoria.
Joubert ontvangt voor zijne diensten volstrekt geen traktement.
Bij de laatste presidents-keuze in Transvaal was hij naast Kruger gecan-
dideerd, doch moest het onderspit delven. Best mogelijk is het, dat hij nu by
de presidentskeuze in den tweeden Boerenstaat, Oranje-Vrijstaat, als candidaat
in aanmerking komt.
Hoewel de Boerenpartij van den Vrijstaat, waarin hij veel aanhangers heeft,
hem candidaat stelde, is het nog niet zeker, dat hij die candidatuur zal aan-
vaarden.
Zoo ja, dan, meent men, zou hij daartoe worden gebracht, om, mocht hij
slagen, zich ook uiterlijk van „Oom Paul", zijn ouden strijdgenoot, te scheiden,
nadat een innerlijke breuk tusschen beiden reeds lang bestaat.
>) Van Esselen, Boer-Student, was ook lid der Deputatie.
* -
-ocr page 20-
16
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189 6.
Is Joubert den Boeren van den Vrijstaat van den eenen kant een gewenscht
candidaat wegens zijn ontembaren haat tegen alles wat Engelsch is, zoo hij
gekozen mocht worden zou de tusschen hem en Kruger heerschende spanning
de voorgenomen nauwere vereeniging der beide Republieken waarschijnlijk
tot onbepaalden tijd verdagen.
Dit laatste zou voor beide partijen nadeelige gevolgen kunnen hebben, en
een inbreuk maken op die gulden spreuk, door de Boeren zoo hoog ge-
houden : „Eendracht maakt macht."
„In Holland," schreef onlangs iemand aan een welbekend dagblad, „zal men
allicht denken, dat de ongedisciplineerde burgers van Transvaal door comman-
dant Joubert op dezelfde wijze gecommandeerd worden, als in Europa, door
de gewone commando\'s: „leg aan," „vuur," enz. Dit is volstrekt niet het geval.
Daar de Boeren geheel verspreid oprukken is zoo iets onmogelijk, en bovendien
zou het onnoodig zijn, daar door de avontuurlijke levenswijze elk als het ware
een generaal op zichzelf is, hyperbolisch gesproken.
Daar ieder Boer een goed schutter is, wordt dikwijls vooraf bepaald, op wien
van den vijand zij moeten schieten, zóó dat aan enkelen opgedragen wordt,
alleen op de officieren, aan anderen alleen op de kanonniers te schieten, enz.
Behalve andere voordeden, daaraan verbonden, voorkomt men op deze wijze
het gevaar van veel lood op één man te verspillen.
Zoo komt het, dat de kanonnen dikwijls haast niet gebruikt worden, door-
dat de plaatsvervangende kanonniers telkens weer „weggepikt" worden. Zulk
een plan is natuurlijk, dan alleen uitvoerbaar, wanneer men altijd even kalm
blijft, en wanneer bijna elke kogel raak is. Hier komt weer de strenge regel
te pas, dien vele Boeren vroeger gewoon waren te volgen, namelijk dat een
jongen van 16 jaar dikwijls maar twee kogels meekreeg om een bok te schieten,
misschien om den duren prijs der am-
munitie."
„En dan komt dit er nog bij, dat door
langdurige oefening op groot wild de Trans-
valere het zoover gebracht hebben, dat
zij, tot op eenige meters na, den afstand
juist weten te schatten.
Op dit belangrijk feit is meermalen
hooger te brengen met het oog op de draagkracht, die verloren gaat door
het gewicht van den kogel. Elk vizier heeft streepjes met getallen (200,
250 tot 1000 en meer), die aangeven hoe hoog het plaatje geschoven moet
worden. Men begrijpt dus, dat men zijn hoofd koel moet houden in den
strijd, om dit niet te verzuimen. Dikwijls werden er geweren gevonden van
Engelschen, die geheel verzuimd hadden de klep van hun vizier lager te schuiven
bij het dichterbij komen, en daardoor natuurlijk over de hoofden der Boeren
heenschoten...."
Met een begeesterend „feu sacré" moedigt generaal Joubert zijne troepen
aan. Lafheid kan hij niet dulden. Bindt men den strijd aan, goed, hij geeft
zijne bevelen, maar dan ook „overwinnen of sterven."
Met een ware doodsverachting oprukken tegen den vijand, een zonder erbarmen
zich doorslaan naar het einddoel, — ziedaar de motieven, waarvan Joubert
uitgaat, wanneer de oorlogstrompetten schallen.
\'■;■.
gewezen, maar het wordt niet altijd be-
grepen. "Want men moet zich niet voor-
stellen, dat de Boeren altijd de beste
„kopjes" (heuveltjes) uitkiezen, waarachter
zij zich verschuilen, om dan eerst te
schieten, wanneer de vijand binnen een
te voren afgemeten afstand komt; maar
dat zij in staat zijn op alle afstanden
direct te schatten. Zooals men weet, heeft
ieder kogelgeweer een vizier, een ijzeren
Kgkjub in Pretoria.
Als een merkwaardigheid zouden wij daarbij kunnen vermelden, dat hij
steeds op zijne tochten vergezeld wordt van zijne echtgenoote, eene zeer
vastberadene, diplomatieke vrouw, aan wier geestkracht de generaal vele zijner
overwinningen op de Engelschen moet te danken hebben.
Generaal Joubert, geboren lslti.
1 daatje, dat op en neer geschoven wordt,
en waarlangs men „korrel houdt" (mikt). Dat dient natuurlijk om den loop
VI. De Ziaid-^Vfrikaansclie Kaffers.
men, d. w. z. uit te geven voor iets, dat h\\j eigenlijk niet is — evenals het
meerendeel der „hedendaagsche" menschheid dit doet. Verder is de Kaffer
hebzuchtig, onzedelijk, wreed___enz. enz. In hoeverre gij hem wilt beschuldigen,
of vrijpleiten, ik laat het aan uwe eigene zienswijze over, want of men zijne
daden beoordeelen moet naar denzelfden maatstaf, als die van beschaafde indi-
viduen, ziedaar een groot vraagstuk.
De Kaffers vormen een barbaarech ras, een ras van echte materialisten,
die zich voor niets interesseeren dan voor veel eten, veel vrouwen en veel
feestgedruisch. De krijgshaftige stammen hebben daarenboven een bijzonder
zwak voor vechten, voor „assegaaien wasschen" en het „schoonmaken" (d. w. z.
uitmoorden van geheele landstreken).
De Kaffers moeten behooren tot de zonen Ismael\'s. Zij bestempelen zich-
zelven met den algemeenen naam van „Amakafula", hetgeen eene verbaste-
ring is van „Kafir".
„Kaflrs" noemt de Arabier allen, die Mahomed\'s leer hebben verworpen,
en vandaar leidt men af, dat de Kafferstammen vroeger öf druk met de Ara-
bieren verkeerd hebben, öf Arabieren geweest zijn, en later over land de Zuid-
kust van Afrika hebben bereikt. Enkele geschiedschrijvers verduidelijken hunne
vestiging in Zuid-Afrika door mede te deelen, dat de Kaffers onwillig geweest
zijn zich aan Mahomed\'s leer te onderwerpen en zich daardoor den haat der
Muzelmannen op den hals gehaald hebben, die hen uit hun midden verbanden.
Als vluchtelingen zouden ze de wijk genomen hebben in Zuid-Oostelijke rich-
ting, totdat ze eindelijk een onbewoonde streek vonden tusschen Delagoabaai
en Vischrivier. Wanneer men een Arabier en een Kaffer naast elkander plaatst,
vallen u dadelijk verschillende punten van overeenkomst in het oog. Van de
E slechtste mensen heeft toch eene goede zijde, en het is best
mogelijk dat men bij den wreedsten moordenaar of den sluwsten
bedrieger nog \'n paar zeer goede karaktertrekken opmerkt.
Wanneer ge een blik werpt op den Kaffer, zal eene dergelijke
redeneering zich vanzelve bij u opdringen, want waar we met afschuw neerzien
op zijne vele slechte hoedanigheden, moeten we toch enkele goede eigenschap-
pen billijkheidshalve in hem huldigen, die dikwijls ontbreken bij hen, die opge-
groeid zijn in het helderschijnend zonnetje der beschaving, te midden van veel
strengere zedelijkheidsbegrippen.
Liever sterft een Kaffer, dan ontrouw te worden aan zijn vaderland, en
alles, tot den laatsten druppel bloed, zou hij willen opofferen voor de eer zijner
stamgenooten en voor de eer van zijn opperhoofd. Diplomaat kan hij zijn, —
uitstekend diplomaat zelfs, en het is de wereld met hare verfijnde manieren,
die het hem maakte.
De Europeanen hebben hem dikwijls willen misleiden en doen het nu nog,
en daarom wordt hij voorzichtig, wordt hij schuw. Waarom gaf dat blanke
volk zoo dikwijls leugenachtige voorstellingen van personen en zaken, waarom
beloofde het zooveel en deed het zoo weinig, en waarom spreidde het zoo dik-
wijls strikken om hem er in te laten loopen?
Men moet met dat volk oppassen, dat begreep hij en daarmede overeen-
komstig begon hij te handelen. Hij besloot zich nimmer bloot te geven, zich
dommer te houden dan hij werkelijk was, veel te hooren maar weinig te zeg-
gen, en van het gehoorde dapper partij te trekken, wanneer het te stade mocht
komen. Zoo vormde de beschaafde wereld hem tot een diplomaat van top tot
teen, en werd hij geoefend in al de details van de kunst om zich te vermom-
-ocr page 21-
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 18 9 ü.
17
Toen kolonel Oraham in 1811 last kreeg om het besluit der Regeering
onvoorwaardelijk ten uitvoer te brengen, werd een aantal Boeren, onder aan-
voering van den
landdrost Stoc-
kenstrom, ge-
commandeerd
om, indien woor-
den niet mochten
baten, de ver-
huizing der Kaf-
fers met geweld
te doen geschie-
den. In de nabij-
heid van Slach-
tersnek kwam
het tot een aan-
val, waarbij acht
Boeren het leven
verloren.
Thans viel er
aan vrede niet
meer te denken.
Verschillende ge-
wapende troepen
rukten op, en in
betrekkelijk kor-
ten tijd werden
er niet minder
dan 20,000 Kaf-
fers over de
Vischrivier ge-
jaagd. Natuurlijk
vielen er vele
dooden, werden
er huizen geplun-
                                                Kaffergroop.
derd en verbrand, en een groot aantal kudden in bezit genomen.
Dit alles — het behoeft nauwelijks gezegd — werd bewerkstelligd door
de Engelschen, en de Boeren, die zich ten dien tijde aan hun gezag moesten
onderwerpen, waren aan het slechtste eind, want behalve dat ze geheel werden
verstoken van hun dienstpersoneel, hadden zij zich de Kaffers tot vijanden
gemaakt.
Nu zou men denken, dat door de goede hulp der Boeren, Engelsch man
en Boer uitstekende vrienden werden. In den beginne bestond daar wel eenige
neiging toe, maar nadat de Boeren door de Engelschen verscheidene malen
daarna weder werden gecommandeerd om de Kaffers te verjagen en te straffen
voor hunne aanhoudende strooptochten, hadden ze wel verwacht daarvoor
eenige vergoeding of schadeloosstelling te ontvangen; integendeel werd na den
beslissenden oorlog van 1834 de volgende dagorder door Lord Glenely gegeven:
„O, Boeren! gij zijt de schuldigen, niet die arme Kaffers! Als ge niet
„wilt vermoord worden, gaat dan dichter bij de Kaap wonen; hebt gij er bezwaar
„in dat de Kaffers uw vee wegvoeren, trekt dan met uw vee weg, tot ge
„buiten hun bereik zijt. Ge moet de Kaffers behandelen met beleefdheid, en
„toonen dat men hen vertrouwt, zoodat zij hersteld worden in het bezit van
„de gronden, waaruit zij verdreven zijn.
„En wat compensatie betreft, gij zult geen enkelen penning ontvangen.
krijgshaftige Kaft\'erstammen kent men voornamelijk de Zulus en de Matabelen.
Van de eersten heeft men \'t eerst gehoord in \'t begin dezer eeuw, toen onder
hen een militair genie opstond, Chaka genaamd, die in korten tijd de Zulus
tot een natie maakte, tegen welke geen andere stam bestand was en oorzaak
was van de groote volksverhuizing der Kaffers naar de Kaapkolonie. Van
1825—\'30 moordde deze Chaka het land honderden uren ver in den omtrek
uit, welk voorbeeld gevolgd werd door een zijner hoofden, die zich in 1830
vestigde op de plek, waar thans Rustenburg ligt, zoodat den Kaffers niets
overbleef, dan te vluchten naar het ontoegankelijk terrein van Basutoland.
Het gekroeste haar, de dikke lippen en de zwarte lichaamskleur, den
Kaffers eigen, zou moeten verklaard worden door de vermenging — op welke
wijze is onbekend — met een negerras. Ook hun taal brengt het uit, dat Kaffer
en Arabier vroeger één geweest moeten zijn. Dit is zelfs zoo sterk, dat sommige
woorden geheel gelijk zijn. Behalve deze overeenkomst met de taal is het
bestaan van verschillende gelijke gebruiken nog een reden te meer, om ons
de meening der geschiedschrijvers als waar te doen aannemen.
De Kaffers (hieronder rekent men de natiën langs de zee, van de Groote
Vischrivier tot aan de Delagoabaai) worden verdeeld in vier stammen, zij zijn:
Kafl\'ormoldon.
de Amaxosa-Ksiïïers, die het eigenlijk Kafferland op de grenzen der Kaapkolonie
bewoonden; de Amazulu\'s (of Zulu\'s); de Basutó\'s en de Amampondo\'s, die
voor den oorspronkelijken Kafferstam gehouden worden.
De Kaffers en de Boeren konden het vroeger over het algemeen tamelijk
wel met elkander vinden; later, toen besloten werd, de Kaffers te verdrijven
en het land vrij te maken, was natuurlijk een duurzame haat tusschen Kaffers
en blanken onvermijdelijk.
Het zou ziekelijke philanthropie zijn om er den blanken een verwijt van
te maken, dat ze het land wilden in bezit nemen en productief doen worden,
dat vóór dien tijd was verwaarloosd door de barbaren.
In 1809 gaf kolonel Collins order om de Kaffers over de Vischrivier te
drijven, er werd den Boeren opgedragen om de Engelsche soldaten behulpzaam
te zijn, terwijl zij al de Kaffers, die tot hun dienstvolk behoorden, moesten
wegzenden. In zijn „South Africa past and present", blz. 29 en 30, geeft Noble,
een Engelsch schrijver, van dit feit een eigenaardige beschrijving. „Een Boer
— zegt hij — zeide tot zijn Kaffer: „Bc heb een order van den veldkornet
om u naar uw eigen land terug te zenden."
„Mijn eigen land," antwoordde de Kaffer, „dit is mijn eigen land. Baas,
ik ben veertien jaar in uw dienst geweest; gij zijt mijn vader, uw vrouw is
mijn moeder. Ik ben nooit in Kafferland geweest dan om uw vee terug te
halen. Ik wil geen ander land hebben, dan dat waar ik nu woon."
Toen kwam de veldkornet zelf, en gebood hem te vertrekken. „Neen,
neen," riep hij uit, „jaag mij niet onder de Kaffers, schiet mij liever op het
oogenblik dood. Ik ga niet weg." Nog eenigen tijd trotseerde hij het wreede
bevel, zich daardoor aan doodstraf blootstellende en, zich overdag schuil houdend,
kwam hij iederen avond tot zijn baas om wat voedsel, totdat hij eindelijk, daar
er geen vooruitzicht bestond, dat de order herroepen zou worden, het land
verliet en niet terugkeerde.
■ - - •
Kafferbruiloft.
„Uwe eigene ossen, door uzelven op het gevaar uws levens heroverd op de
„Kaffers, zullen voor uwe oogen verkocht worden ter vergoeding van oorlogs-
kosten.
„En moogt ge de stoutmoedigheid hebben tegen dit alles te pruttelen, dan....
„weest gewaarschuwd."
Zóó stelden de Engelschen zich aan; zóó miskenden zij niet alleen den
krachtigen steun der dappere Boeren, maar schilderden hen, als aanleiders
der geschillen, met de zwartste kleuren ...
-ocr page 22-
18                                                      DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189 6.
omgegaan worden, als met kinderen — daarom behandelen zy hen streng, maar
rechtvaardig.
Hunne wijze van doen boezemt den Kaffers respect in, ze zien in de Boeren
bovennatuurlijke wezens, wijl ze zich zoo gerust en kalm onder honderden
hunner durven bewegen. De Europeesche ideeën van gelijkheid en broederschap,
en de leeringen der zendelingen zijn doorgedrongen tot den Kaffer, en hebben
hem doen gelooven dat hij naast zijn witten broeder doen kan wat hij wil. Waar
de Europeaan zich niet ongevoelig betoont voor de Kaffermeiden — zou een
Boer, die zich durfde verslingeren aan een dergelijke jonge dame, voor dood
verklaard worden — trouwens een zoodanig huwelijk is zelfs bij de wet verboden.
Toen werd hun toestand dan ook geheel onhoudbaar en ze besloten tot den
grooten „trek."
Maar gaan we terug naar onze beschouwingen over de Kaffers. Zooals
ons weder gebleken is uit het aangehaalde brokje geschiedenis, waren ze nu
eens bevriend, dan weer gehaat, en werd er met hen gesold, evenals een kind
nu eens zijn speelgoed met koningsoogen beziet, om het straks weg te
smijten naar een donker hoekje der kamer, en het daar desnoods te ver-
trappen. . ..
De Kafferkralen worden gevormd door een aantal hutten, die den vorm
Een Kaffer-kapitein.
hebben van een halven bol. Zij worden zeer spoedig in elkander gezet, en
meestal overdekt met riet of stroo.
Eén enkele opening dient als deur en tevens als schoorsteen. In de meeste
gevallen worden de hutten in een cirkel geplaatst, in welks midden de eenigs-
zins grootere tent van den Kaffer-hoofdman staat.
De hutten zijn van binnen met allerlei snuisterijen versierd.
De Kaffers leven onderling in een niet zeer goede verstandhouding, want
telkens wordt er krijg gevoerd tusschen den eenen koning en den anderen.
Kenschetsend is de lust der Kaffers om zich telkens te voorzien van
nieuwe vrouwen. Zich van de ouden bevrijden, doen ze niet — integendeel,
ze gaan met de „afgedankten" in de beste harmonie om, maar toch, om pedan-
terie of onderlinge handtastelijkheden der geliefden te vermijden, laten ze
voor elk hunner vrouwen eene eigen woning bouwen.
De Boeren hebben door de ondervinding geleerd, dat met de Kaffers moet
••••••••......MINIMI.....MIMNNMMIM......I...........Mlllll.............I.........MUI......................................lilt.....................................
Eon goniocliirnisoi\'rd Kafl\'er-bruid.siiaar.                                                                *
De Boer denkt er niet aan zich gelijk te stellen met den Kaffer — hom een
hand te geven, of een stoel.
Gelijk het noodzakelijk is in de militaire wereld, dat een officier zich stelt
boven zijne minderen, en zijn eigen gezag ten volle bewust is, zoo handhaaft
de Boer zijne prestige op krachtdadige wijze.
Daardoor gevoelt de Kaffer steeds veel respect voor den Boer — hoewel hij
langzamerhand zich op een lijn durft stellen met de andere blanken.....
Wij bieden u hierbij twee portretten van Kafferhoofden aan. De eerste in
onbeschaafden staat, de tweede „in z\'n bruidspakje der beschaving."
Wat vindt ge dat beter staat, lezer?
Het beschavingsgewaad kan u zeker het minst voldoen? want erger dan
een sjouwerman in z\'n Zondagspak, maakt de Kaffer in der blanken kleeder-
dracht een potsierlijk figuur.
.......■■..........■>■.....■............ii....................iuiii......................i.........................nu......iiiiiiiiii..............i......iinii.....i......
VIL ATV^oelin^en.
^WT\'AX welke regeerders zou het gegeven zijn, ooit een land zoo te
$fflf&X7A regeeren, dat er geen partijzucht ontstaat, en dat een ieder tevre-
]$/[£$£$& den zou zÜn met de landswetten? Is er iemand, die zoodanige rege-
-Z£>*^i3& lingen zou kunnen maken, geschikt voor de practijk, die zonder
één enkele uitzondering aan allen voldoen?.....
Trots de groote verdiensten, trots de wilskracht en vastheid van karakter,
waardoor president Kruger zijn land wist te emancipeeren en tot voorspoed
te brengen, gingen er stemmen op van oproer, van oppositie, tegen de be-
staande wetten — stemmen, die zich luider en luider deden hooren, en moeielijk
meer te smoren waren.
Zoodra in 1881 aan den Witwatersrand de goudriffen ontdekt waren,
stroomden de vreemdelingen Transvaal letterlijk binnen. We hebben reeds
opgemerkt hoe de Boer zich weinig aangetrokken gevoelde tot het mijnbedrijf,
en veel meer behagen schepte in den landbouw, in het weiden van zijn vee,
en in de jacht.
Dat hij dit werk verkoos boven het mijnbedrijf, hiervoor zouden, wanneer
het moest, de volgende redenen te geven zijn: gebrek aan kennis voor het
ontginnen der mijnen; te weinig kapitaal voor het aanschaffen der machines,
en het beneden zich achten van het ruwe werk.
Dat er vreemdelingen kwamen, die er zich druk mede bezighielden — niets
was hem aangenamer dan dit, want daardoor kwam er welvaart, en konden
er belastingen geheven worden, waardoor de Staat meer tot aanzien zou komen.
De meesten, door de godin van het goud er heengelokt, waren Engelschen
of menschen van Engelschen stam.
Het mijnbedrijf ging over het algemeen uitstekend; de vreemde gelukzoekers
namen voortdurend in aantal toe, bouwden huizen en straten, waardoor steden
Een groepje Boeren vurende tgen den „Rooinek."
ontstonden, die in majestueusheid konden wedijveren met de voornaamste
Europeesche hoofdplaatsen.
Werp slechts een blik op Johannesburg, naast Krugersdorp thans de meest
-ocr page 23-
19
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 18 9(5.
Vrijstaat geboren, zoodat de uitlanders de eigenlijke bewoners van liet land
dreigden te overvleugelen.
Dit gevaar was niet zoo heel groot, zoolang de Boeren het gezag in handen
hielden, maar na verloop van tijd eischten de uitlanders, waaronder voorname-
melyk de Engelschen, een belangrijk aandeel in het bestuur des lands. De
Boeren, meer dan eenige andere natie gesield op hun vrijheid, weigerden natuur-
lijk : „wij zijn baas, en gijlieden moet u onder-
werpen aan de wetten van ons land; kunt gij u
daar niet naar schikken, welnu, gij zijt vrij, trekt
dan verder; verder naar andere gewesten, waar-
heen de zucht om rijk te worden, u voeren zal."
genoemde plaats in Transvaal. Zooals in ons derde Hoofdstuk reeds met een
enkel woord werd vermeld, was het vóór negen jaar slechts een kale vlakte,
acht jaren geleden \'n eenvoudig mijnwerkerskamp en nu — nu is het de
woonplaats van ruim 126,000 menschen, groeiend bijna zoo snel als kalk en
steen kunnen verkregen worden.
Een overdekt spoorwegstation ontbreekt nog, maar daarentegen ziet men
f£jL
R.
B.B.B
„Maar wij vormen de meerderheid, de groote
ft/
f*
meerderheid" — riepen de vreemdelingen eenpa-
rig, en trachtten daardoor de beslissing der Trans-
valere te overschreeuwen — „ons behoort meer
dan de helft van het land, en daarbij.... wij
brengen negen tienden van de belasting op !
Schenkt ons een aandeel in het bestuur."
Stemrecht wilden ze — goedschiks of kwaad-
schiks, — want ze begrepen best, wanneer dat
BRIEVEN VAN NATURALISATIE.
hun gegeven werd, zij met hunne meerderheid,
die bovendien door den onophoudelijken toe-
vloed van nieuwe vreemdelingen nog stijgen
zou, de hervormingen die zij verlangden, ge-
makkelijk doorzetten konden.
Wat ware billijk geweest — toe te geven
aan hunne eisenen?
Een bevestigend antwoord kunt ge niet geven,
want indien de Transvalers toegestemd hadden,
dan zou dit niet minder, dan een zelfmoord
t7**/ ZtSlsVM*
V-CLfi,
CH~
plegen geweest zijn ten aanzien van den Staat...
Ik zeg: niets minder dan een zelfmoord —
zou men het durven verwachten van die dappere
\'■U
Boeren, dan eens onderdrukt, dan eens verjaagd,
dan eens ingelijfd, en ten laatste weer vrij-ge-
vochten, dat ze goedsmoeds hun land zouden uit-
■^-sl,:xs
leveren aan die vreemdelingen, voor het meer-
endeel Engelschen, die ze niet van de beste
V-C K*
zijde hadden leeren kennen ? Het zou een daad
geweest zijn, buiten alle politiek overleg om,
wanneer de Boer had toegegeven aan de
onzinnige eischen, door aanmatigende en domme
vreemdelingen aan een rustig en zwakker volk
gesteld.
Ja zeker waren ze aanmatigende en domme
vreemdelingen. Op het eerste gezicht, ik stem
het volkomen toe, zijn ze het niet, maar bij
eenig nader onderzoek wel.
Zij wilden stemrecht — maar waarom hebben
de Engelschen er dan altijd prijs op gesteld
.~*<£ëi
\'cLgs
\'*A>..
axw d*, ».tte,Usc£jU<H> d,«A, n*£ te^i. v-oM,&> £**-*, Lfsn,
„Engelschen" te zijn en te blijven en laag
neergezien op den Boer; zij wilden stemrecht
— maar waarom weigerden zij dan zich te
onderwerpen aan den verplichten krijgsdienst;
zij wilden stemrecht — maar waarom lieten
ze zich dan niet naturaliseeren om daardoor
te voldoen aan de eerste voorwaarde om toe
te treden als kiezer; en waar ze vroegen om
staatssubsidie voor de scholen — waarom
wilden ze de landstaal dan niet eens op het
leerplan brengen; lachten ze om Kruger, en
dweepten ze met Koningin Victoria?
O, ja, ze wilden wel de voordeelen, ze wilden
wel alles inrichten naar hunne idee, maar zich
//fit:
i/t^<6
fl^U^;
[b to*CL£bAL4sCS(,e£ciSuC&
houden aan wetten — dat niet. Kregen ze stem-
recht, heel goed — dan waren ze een paar jaar
vroeger rijk, en als het goud bij elkaar ge-
schraapt was, dan weg, spoedig weg.... lachend
om de onnoozelheid van een volk, dat dienst
doet als schatbewaarders, eerlijk en vlijtig —
êtaakfzeyidcnt,
zonder er zelf aan te komen — maar dat
J
anders nergens goed voor is.
Want wie zijn die vreemdelingen voor het
meerendeel ? Gelukzoekers!
Wij spreken niet van hen, die er heen gingen met een bepaald doel - want
zn\' bekleeden er goede posities, en hebben zich bijna allen laten naturaliseeren,
terwijl ze de wetten van het land trouw naleven; doch wij bedoelen hen, die
zich vestigden, zonder eenige bezitting, zonder eenige kunde, die Europa te
klein vonden, en verblind werden door den gloed van \'t goud-----
Dat zijn de menschen, die eischen stelden-----
Zü wilden uit hun midden personen afvaardigen ter vertegenwoordiging.
Velen van hen zijn menschen met een mislukt leven achter zich; menschen,
een ontzaglijk clubgebouw met tennis-, cricket-, voetbal- en wielerbanen, gym-
nastieklokalen, dans- en concertzalen, enz.
De leden zijn millionairs, en ook kantoorbedienden, kamerbewoners en kamer-
verhuurders, want in het gezegend Transvaal sclujnen geen standverschillen
te heersenen.
Zóó sterk groeide de bevolking aan, dat er nu in de Zuid-Afrikaansche Repu-
bliek meer vreemdelingen (uitlanders) wonen, dan Boeren, in Transvaal of den
-ocr page 24-
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189(5.
20
gevonden tot een oorlog met Lobengula; de Koning met duizenden Matabelen
werden gedood, de rest onderworpen.
Sedert dien tijd regeert de „Chartered Company" — dus Rhodes — over het
land benoorden de Transvaal
tusschen de Limpopo en de
Zambesi. Hij heeft duizen-
den manschappen in dienst,
legt spoorwegen, telegrafen,
forten en steden aan. Dat
alles kost geld, veel geld.
De mijnen in het veroverd
land brengen weinig of niets
op. Zelfs de millioenen der
„de Beer\'s maatschappij"
kunnen op den duur niet in
zulke uitgaven voorzien.
Rhodes zat met de handen
in \'t haar, steeds verliezen,
verliezen .... Welk een red-
ding uit de moeielijkheden
zou het voor de financiën
der „Chartered Company"
zijn, als zij te Pretoria eene
regeering had, die zij naar
hare hand kon zetten! Te
Johannesburg beloven de
goudmijnen niet alleen veel,
hetzij door eigen schuld, of gedwongen door het Noodlot, gezakt al dieper en
dieper, zedelijk bedorven door eene omgeving, waar alles ondergeschikt gemaakt
wordt aan het fortuin .... en deze elementen zouden invloed willen uitoefenen
op \'s lands zaken, zoo orde-
lijk, en nauwgezet door de
Boeren beheerd!
Het
lang zijn, na
do naturalisatie, veertien
jaren te moeten wachten tot
men leden van den Eersten
Volksraad kiezen kan, maar
dwazer, oneindig dwazer, zou
het zijn kiesrecht te geven
aan menschen, die invloed
op den Staat willen uitoefe-
nen rechtstreeks in hun
eigen belang, om straks dien
Staat aan zijn lot weder
over fce geven; die de schou-
ders ophalen over wat men
traditie noemt; die spotten,
als leden van eene moderne
cosmopolitische bevolking,
met de aartsvaderlijke ge-
bruiken van den Boer....
zij willen hun nationaliteit
niet verliezen, daar dit hun
te lastig zou zijn, als zij met
maar brengen zij veel op,
Dr. Jameson.
Ccdl Rhodes.
en dat is beter dan belof-
ten. Zouden we — zoo dacht Rhodes, als hij daar zat voor zijn lessenaar,
gebukt over de boeken, die tot hem galmden: „Verlies, verlies!" — zouden we
daar niet een „amalgamatie" tot stand kunnen brengen, zooals te Kimberley.
Wie weet, of we dan niet een goed eind op
weg zouden zijn naar het monopoliseeren der
goudproductie.
Maar één ding staat vast: dan zou de ouder-
wetsche Boerenregeering moeten vallen, dan
zouden er progressieve mannen aan het hoofd
moeten staan, die onze belangen in de aller-
eerste plaats zouden behartigen.
En men wil eene andere regeering, ten-
minste een deel der uitlanders wil het — welnu,
dan moet ik hen helpen en steunen, dan moet
ik hen ophitsen.
De twee vloeken van Afrika: Downing-street
en Exeter Hall, zouden op den achtergrond en
Cecil Rhodes op den voorgrond treden. Rhodes,
al heeft hij zich ook verkocht aan den duivel,
al was zijn drijven tot het verkrijgen van woe-
de verworven schatten naar
wél meepraten waar het op wetgeven en besturen in
Engeland terugkeeren, maar
het land hunner tijdelijke verblijfplaats aankomt.
De oppositiegeest werd krachtiger en krachtiger — ze werden\' verongelijkt,
meenden ze, daar moest een einde aan komen . . .
De onverzadiglijk naar macht dorstende Cecil
Rhodes was \'n eerste voorstander van het plan
om met geweld te eischen, wat door spreken
niet te verkrijgen was.
Maar laat ik u eerst zeggen wie Cecil Rhodes
was. Vóórdat hij zich in de politiek begaf, was
hij een stout en gelukkig speculant. Hij was
het, die omstreeks 1875 — nog niet veel ouder
dan twintig jaar - met zijn kameraad Beit,
thans ook een millionair, de diamantmijnen te
Kimberley amalgameerde en daardoor het mono-
polie kreeg der levering van diamanten. Sinds
dien tijd bepaalt de „de Beer\'s maatschappij",
d. w. z. bepaalt Rhodes, hoeveel diamanten er
aan de markt zullen komen en tot welken
prijs.
Markt te Johannesburg.
Vandaar enorme schade voor velen in Europa
lingen ook beslist af keurenswaard — is en
en elders. Onze Amsterdamsche diamantslijpers kunnen er een „hartig woordje"
over meespreken.... maar Rhodes, Beit, en de weinigen, die met hen den
buit deelden, werden millionairs.
blijft
wien
die hem geleid hebben tot hetgeen hij
age, een man van veel beteekenis, van
ij niet bestand was tegen verzoekingen,
ging voorbereiden.
Nadat Rhodes in Engeland ge-
zorgd had, zijne vroegere, eenigs-
zins verwaarloosde opvoeding aan
te vullen, te Oxford een graad
gehaald, en in de mijndistricten\'de
mijnexploitatie bestudeerd had,
gaf de Diamantstad hem een zetel
in het Kaapsche parlement. En nu
begint hij weldra met de „Charte-
red Company of South Africa"
een veel grootscher speculatie.
Hij wist grootendeels van de „de
Beer\'s maatschappij" de millioe-
nen te krijgen, die hij voor zijn
plannen noodig had.
Van Lobengula, den koning
der Matabelen, kocht hij het recht
ter exploitatie der goudmijnen in
Mashonaland, dat Lobengula als
zijn eigendom beschouwde. Ge-
steund door machtige vrienden,
verwierf hij een charter van de
Engel sche regeering, dat hem in
Rhodes phantaseerde.... reeds
zag hij Transvaal het eigendom
zijner maatschappij, reeds zag hij
zich vereerd als een koning....
Eureka, ik heb gevonden! —
juichte het in zijn ziel___
De vreemdelingen zouden met
hunnen oppositiegeest wellicht
sleurend zijn doorgegaan, het ging
niet zooals ze wilden, het duurde
wat lang om rijk naar het vader-
land terug te keeren, maar
enfin___ Er werd wel veel be-
sproken ; veel gepraat ook over
opstanden, over krachtdadig ver-
zet tegen de wetgevende macht,
maar om er bepaald toe over te
gaan, neen, daar behoorde \'n leider
toe, \'n man die energie genoeg
bezat om eene dergelijke onder-
neming op touw te zetten.
Kon het beter? Cecil Rhodes
staat stelde op de wijze onzer
oude Oost-Indische Compagnie straat tfl Johannesburg.
vond in die uitlanders steun; de
ontevredenen vonden in Cecil
over groote uitgestrektheden te heerschen.                                                           I Rhodes een invloedrijk persoon___
De Engelsche regeering kwam hem te hulp met de Swaziland-conventie in Door ophitsende artikelen in die couranten te doen plaatsen, welke zich
1890, die de Boeren verhinderde naar Mashona- of Matabelelanden te trekken voor geld lieten omkoopen; door naar verschillende plaatsen agenten uit te
en daar een Republiek te stichten. Daarna werd er weldra aanleiding | sturen om het volk op te ruien, gelukte het Cecil Rhodes een troepenmacht
-ocr page 25-
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189 0.
21
bijeen te krijgen, die bereid was een aanval op Transvaal te wagen. Dr. Jame-
son, administrateur van de maatschappij, zou het commando van den troep
op zich nemen — hij wa3 een der vertrouwdste vrienden van Rhodes.
Er moet altijd iets Don-Quyote-achtigs geweest zijn in Jameson, hetgeen
man in Z.A. was voor geld maken zoo volkomen onverschillig als hij. In
zijne omstandigheden had hij schatrijk kunnen worden, maar de geldmannen zijn
altijd verbaasd geweest, dat hij van zijne unieke gelegenheid om millionair te
worden nooit gebruik wilde maken. „Ik heb nooit zoo iemand ontmoet," zei eens een
De dikeutie van de „Ciiaktehed Comi-any.
Jameson.
KImhIi\'-.
Newton.
blijkt uit zijn levensloop, waarvan men het volgende weet te verhalen:
Dr. Jameson was geneesheer te Glasgow vóór hij op de diamantvelden van Kim-
berley als dokter naam en fortuin maakte. Toen overreedde Cecil Rhodes hem
in dienst der „Chartered Company" te gaan als administrateur. Hij gaf\' zijn
schitterende practijk als dokter te Kimberley op, om haar te wagen voor een
onzekere kans van slagen in zijne
nieuwe positie. Van dien tijd af
was hij met hart en ziel aan
Rhodes verknocht.
En deze, hoe streng en hard
hij ook wezen moge, er is een
warm gevoel in hem over voor
Jameson. Trouwens alle bewoners
wan Kimberley zouden hun bloei 1
over hebben, wanneer het „Dr.
Jim," zooals men hem wel eens
bij verkorting noemde, mocht
gelden.
Die aanhankelijkheid vond Ja-
meson ook in Charterland. Hij
had het geheim van met een
vriendelijk woord den toorn van
mannen, die met hunne grieven
tot hem kwamen, te ontwapenen.
Hij was ongeëvenaard in de kunst
om met menschen om te gaan.
Altijd streng rechtvaardig en wel-
levend, leder, die een grief had,
wist bij hem een gewillig oor te
hunner. „Hij zou het geld niet oprapen, als het voor hem gelegd werd. Het
is een gek
Niemand zal er hem voor danken. Maar wie] hem kennen, weten
hij waard is. En aan de rest stoort hij zich niet."
wat
Indien dat alles waar is — hoe is het dan mogelijk, dat Dr. Jameson zich
op verzoek van Rhodes bereid verklaarde het commando te aanvaarden? Hij
in de eerste plaats had toch moe-
ten inzien het gewicht van de over-
rompeling; hij, vóór alle anderen,
had niet blind moeten zijn voor
het recht. Was het alleen dan
zijn lust in avonturen, was het
alleen de Don Quyote in hem, die
hem deed handelen tegen beter
weten in. waardoor hij zich
aanstelde als een gemeen in-
dringer?___
In elk geval, het was eene ver-
keerde prouesse om te willen op-
rukken tegen de Boeren.
Terwijl Transvaal van zoo iets
niet droomde, waren Rhodes en
.lameson druk aan den gang met
het nemen van maatregelen. Uit
Bhniingham werden groote hoe-
veelheden wapenen aangevoerd,
en niet veel moeite kostte het
om de bende vrijbuiters behoor-
lijk uit te rusten.
Jameson zou worden ter zijde
gestaan door de officieren C. H.
Scott, Foley, John Willoughby,
Cecil Rhoios\' woonhuis.
vinden en geen klager ging onvol-
daan van hem weg. Dit, en de bekoring van zijne manieren, en zijn wezen-
lijke goedheid deed hem alle harten winnen. Hij moet de eenige zijn, in de
Zuid-Afrikaansche zaken betrokken, van wien niets dan goeds kan gezegd
worden. In geldzaken gelijk in al het andere was hij vlekkeloos eerlijk; geen
Villiers, Sir Raleigh Grey, Coventry, H. F
Parkins, maj. White, kapt. White, Monien en meer anderen.
De troepenmacht was gereed___Men marcheerde naar het Zuiden
-ocr page 26-
22                                                               DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189 6.
vin. flet TransVaalsch Volkslied.
Statig.
Bewerkt door HENRI L. A.
MELCHIOR.
*==*
¥±m
ÉËE^EÈEfe
zézd
m^,
—8-
1. Kent gij het
den-moed,
volk vol hel
En toch zoo lang ge • knecht ?
Het heeft ge - of - ferd goed en bloed, Voor
-i-
=|=±=
fr*
ÊE
\'^^i=mH=m
3
***=!=*
r
"gr
crescendo.
-I—-La
p
:f=fcJ
p§ÊÊ*S
I
S;
üPseeï^B
J
É=fc=±
*-#
*F
&3. *
Con Ped.
f^
^gÈ
*
HÜM
*=?
£
-&-
0-
EE
fcS:
t:
■JÊZXDta
=c
bur-gers! laat de vlag-gen wap - - p\'ren, Ons lij - den is voor - - bij,
vrij - heid en voor recht;
Komt,
Roemt
^^É
=ï3=2
=i=p
feS:
*
t
m
ï=$8s»
mm
\'J^ËEÈ
s-
PPPé
crescendo.
f
P
*
wmm
T=
m
=$irt
3=±t=
=i
3=1113=1
:fc=J
:t:
*öee£
<?-
*—*-
terughouden
3.
Kent gij dien Staat, nog maar een kind
In \'s werelds Staten-rij ?
Maar toch door \'t machtig Britsch bewind
Weleer verklaard voor vrij.
Transvalenl edel was uw streven,
En pijnlijk onze smaad,
Maar God, die uitkomst heeft gegeven,
Zij lof voor d\' eigen staat!
Looft onzen God,
Looft onzen God,
Looft onzen God voor land en staat.
Kent gij dat land, zoo. schaars bezocht,
En toch zoo heerlijk schoon?
Waar de natuur haar wond\'ren wrocht
En kwistig stelt ten toon;
Transvalenl Laat ons feestlied schallen,
Daar waar ons volk hield stand,
Waar onze vreugdeschoten knallen,
Daar is ons vaderland!
Dat heerlijk land,
Dat heerlijk land,
Dat is, dat is ons vaderland!
-ocr page 27-
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 18 9 0.
■1-6
IX. Aa/n clen vooravond, van een toelangrijk feit.
schappen, de commandanten door al de stemgerechtigde burgers der districten,
de commandant-generaal door al de stemgerechtigde burgers der Republiek \').
„De officieren, die zonder voldoende reden bedanken of weigeren de op hen
uitgebrachte keuze of de hen opgedragen betrekking te aanvaarden, worden
gestraft met geldboeten, stijgende met de rangen: een veld-kornet niet 50,
een commandant met 100 en de commandant-generaal met 250 rijksdaalders.
„Ieder man zorgt voor zijn eigen uitrusting, kleeding, voedsel, paard, wapens
en munitie.
„Alle buitgemaakte goederen worden dan ook gelijkmatig onder de dienst-
doende burgers, die in het veld geweest zijn verdeeld, na aftrek echter:
1°. van de vergoeding der schade door de uitvoering van een commando
veroorzaakt aan wagens, paarden en trekvee;
2°. van de oorlogskosten door de regeering uitbetaald;
3°. van een onderstand en schadevergoeding aan gekwetste burgers; en
4<>. van een fonds tot ondersteuning der weduwen en weezen van ge-
sneuvelde burgers.
„Men ziet hieruit, dat het krijgswezen, hoewel zeer eenvoudig, uitstekend
AS op den 30sten December, dat zich in den namiddag meer dan
honderd werklieden van den Rand bij president Kruger ver-
voegden.
„We hebben ontslag gekregen — zeiden ze — zonder reden,
want we willen werken, hard werken zelfs....."
„Zonder reden ?" — herhaalde Oom Paul.
„Ja en neen. We werden gedwongen om te vechten, om ons te verzetten
tegen u en uwe regeering, tegen al het bestaande___en dat nooit, nooit!
„Tot alles willen we ons verbinden, maar ons vijandig verklaren tegen den
Staat, neen, dat doen we niet.....en nu zijn we zonder werk. Dat is de
reden, als het tenminste een reden te noemen is. En daarbij, al gevoelden wij
geen liefde voor Transvaal, wij zagen niet in, waarom wij ons leven zouden
wagen in het belang van eenige kapitalisten, die wij wisten, dat voor hun
eigen voordeel oorlog wilden. De spoorwagen, die ons hier heen voerde, droeg
met krijt het opschrift: „Lafaardswagen," maar dat kon ons niet schelen, wij
hebben een geweten___"
„.....Hoort eens, thans is het geen tijd om beloften te maken," antwoordde
Kruger, „maar toont door daden, dat het jelui doel is de orde te handhaven ...
... Niettegenstaande al hetgeen ik hoor, kan ik maar niet gelooven dat de
EngHschen ons onverwacht zullen aanvallen. Wat men ook van hen zeggen
mag, zij zijn ruiterlijk en dapper, en ze zouden ons niet zoo laf en zonder
uitdaging aanvallen."
En nauwelijks had hij die woorden gesproken, of er verscheen eene deputatie
van te Petroria gevestigde Duitschers in het Gouvernementsgebouw.
Een tier afgevaardigden maakte bekend, dat ook de Duitschers hadden
geweigerd om deel te nemen aan de troebelen, en dat zij integendeel steeds
zouden gehecht blijven aan de regeering. Om dit daadwerkelijk te toonen,
verklaarden ze reeds eene plaatselijke
militaire organisatie gevormd te hebben
en een telegram te zullen zenden aan
Keizer Wilhelm, om hem te verzoeken
zijn polilieken invloed aan te wenden,
ten einde dreigende ellende en bloedver-
gieten in de Z.-A. R. te verhinderen.
Geroerd reikte Kruger elk der mannen
de hand : „Moge God het verhoeden, mijne
dierbare vrienden!"
dJi/ f\'ff \\&i ^\\JKC5\'/il^\'\'^\' \'        "at waren teekenen van vriendschap,
r^^i J( *\'hfm^-iL^^JL-fK■?:"»\'> die moed gaven; maar hoevele berichten
kwamen er niet in, die getuigden van
r- . .--- \' -
Boeron op wacht.
vijandschap, en hun demoraliseerenden
invloed niet misten?
Elk oogenblik verspreidden zich tijdingen, die een spoedigen overval voor-
spelden, \'t Was noodig, dat het land gemobiliseerd werd, dat er aan de burgers
geweren en ammunitie werd uitgereikt.
Wat moeten er bij de openbaarmaking van dit besluit ontzettende herinne-
ringen zijn opgedoemd. Zou het weer een strijd worden op leven en dood —
er op of er onder, zouden er weer honderden slachtoffers moeten vallen?
„Houdt moed, houdt moed," — riepen de Boeren elkander toe — „bedenkt:
„Eendracht maakt macht"" — en zich daardoor eenigszins verruimd gevoelend,
spoedde men zich naar het kantoor van den commandant-generaal om het
benoodigde in ontvangst te nemen.
Het zij mij vergund, nu we gaan spreken over den slag, een paar kleine
trekjes mede te deelen over de krijgsinrichtingen der Boeren.
Omtrent dit onderwerp verscheen kort geleden een werkje l) van den Wel-
Edelgestrengen heer J. H. Rovers, oud-kapitein-commandant van het „Korps
Koninklijke Scherpschutters" te Groningen.
Ik geloof niet beter te kunnen doen, dan er enkele fragmenten van te
citeeren:
„De krijgsmacht bestaat nit alle weerbare mannen van het land en, zoo
noodig uit al de inboorlingen, wier opperhoofden aan het gezag der blanken
onderworpen zijn. Tot de dienstplichtigen behooren alle lichamelijk geschikte
mannen van 16 tot 60-jarigen leeftijd en alle inboorlingen, die geacht worden
in den oorlog van dienst te kunnen zijn.
„Tot ordening dier krijgsmacht is het grondgebied verdeeld in districten, het
district in veldkornetschappen, het veldkornetschap in wijken, waarvan de
grenzen bepaald worden door overleg tusschen den Staats-president, den com-
mandant-generaal en de naaste commandanten en veldkornetten.
„De veldkornetten en adsistent-veldkornetten worden bij meerderheid van
stemmen gekozen door de stemgerechtigde burgers der wijken en veldkornet-
Afdeeling gowapentlo Boeren.
overeenkomstig de behoefte geregeld is, en dat de Transvalers aan den zwaarsten
algemeenen dienstplicht onderworpen zijn."
De wijze waarop het oproer georganiseerd werd, liet zich zeer zorgwekkend
aanzien.
Zou het groote gebouw, met zooveel moeite opgetrokken, met zooveel trots
een „eigen Staat" genoemd, dan meedoogenloos worden omvergehaald door dien
troep ontevredenen, die te Irene, op 15 K.M. afstand van Pretoria gelegen,
zich een versterkt kamp hadden gemaakt? Zou dat dan het einde zijn van
zooveel ploeteren en zorgen, van zoo oneindig veel worstelen en kampen?
Terwijl de regeering overal de commando\'s opriep, onderhielden zij eene
geregelde communicatie met Betsjoeanaland....
De bevolking was geagiteerd___en gean wonder, de litteekenen van vorige
gevechten waren nog zoo goed zichtbaar, en het wreede er van lag nog zoo
versch in het geheugen. Een vaag besef, dat het gevaar zeer groote afmetingen
kon aannemen, maakte de menschen bevreesd, want niet alleen de oproerlingen,
maar ook het Kafferdom, dat in staat zou zijn tot de grootste gruwelen, kon
zich mengen in de oppositie.
De informatiön luidden, dat de troep bestond uit niet minder dan 800 man.
Acht honderd man 1 — hoe is het mogelijk om ze bijeen te verzamelen in
Betsjoeanaland, om ze uit te rusten en vooral om ze te voorzien van paarden,
geweren en kanonnen; acht honderd man — en zou Cecil Rhodes daarvan
geheel onkundig gebleven zijn? Waren het Engelsche soldaten geweest, dan
behoefde er minder reden tot vreezen te zijn, maar de troep bestond uit mannen,
evenals de Boeren gewoon aan den strijd in Zuid-Afrika.
De toestand op den Witwatersrand zag er alles behalve rooskleurig uit aan
den avond van dien SOsten December.......
Met het oog op eene mogelijke verrassing en op eventueele misdaden, werden
\') De prijs van dit boekje, dat getiteld is „De Transvalers en hunne heldhaftige vrouwen,"
bedraagt slechts 50 cents. En om de belangrijkheid van het onderwerp, dat op zeer bevat-
telijke wijze wordt verduidelijkt, on omdat de baten der uitgave worden gestort in het
„Taalfonds tot Behoud en Bevordering van hot Hollandsch als volkstaal in de Boeren-
Republieken van Zuid-Afrika", kunnen wl) het ten zeerste aanbevelen. (Amsterdam —
J. H. de Bussy - 1896).
\') Alle blanken, die minstens cón jaar in do Republiek wonen en den leeftijd van 21
jaar bereikt hebben, zijn stemgerechtigd.
-ocr page 28-
24                                            DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189 6.
de straten van Pretoria gedurende den nacht van 30 op 31 December door
een sterke politiemacht bewaakt. De woning van den Staats-president was
omgeven door gewapende burgers. Overigens heerschte er volmaakte rust.
In het artilleriekamp daarentegen was alles leven en beweging. Een aantal
tenten waren binnen het kamp opgesteld. Burgers uit het dorp, zoowel als
buitenmenschen, artilleristen zoowel als vrijwilligers betrokken er de wacht;
de hoofdofficieren en anderen waren ter plaatse aanwezig; kanonnen stonden
gereed voor den dienst, gezadelde paarden waren klaar voor patrouilleering....
Gedurende den nacht werden de paden tusschen Johannesburg en Pretoria
door de cavalerie afgereden en bewaakt.
De Volksstem schreef dien avond in een hoofdartikel: „Het is hier te lande
geen gunstig veld voor zenuwachtige amateurs in revoluties; en z\\j die proef-
nemingen op dit gebied vóór hebben, mogen vooruit gewaarschuwd wezen, dat
de Boeren niet met zich zullen laten spotten en in staat zijn om zich te doen
eerbiedigen, binnenslands zoowel als buitenslands .... "
De tijd zou de waarheid daarvan wel leeren!
X. De Opstand.
•«
Se BjfëSf EGEVEN wij ons weder naar Pretoria.
S *^<aPlL ^\'e \'s nacn*,s geslapen had — en dat waren er niet heel veel
V* |§|Qjhu\' — stond op, geprikkeld door een onrustig gevoel van nieuwsgie-
\\il—-^5% righeid omtrent den stand der zaken.
Bijzonder nieuws was er niet; de nacht had een kalm verloop gehad.
Opmerkelijk was het om de vastberadenheid der vrouwen gade te slaan,
terwijl menige man een beklemd hart in zich omdroeg. Dit blijk van moed
gaven ze niet voor \'t eerst, want de Transvaalsche vrouwen staan bekend om
hare kordaatheid. Zij moeten het meer gezegd hebben: „Als jullie nie gaat
vechten nie, dan gaat ons."
Ik las kort geleden in een Tranvaalsch blad de volgende heldhaftige daad
van een meisje:
„Iemand moest naar Johannesburg en nam zijn vrouw mede, terwijl hij zijn
schoonzoon de zorg over het huis toevertrouwde. Een paar dagen later ging
en hield hem vast, terwijl ze een der planken van de bedstede nam en er
den kerel tweemaal mede op \'t hoofd sloeg .... "
Het is slechts een klein staaltje, dat wij gaven van den moed eener Trans-
vaalsche — er zijn veel grootere feiten bekend, doch dit zij voldoende___
Vastberadenheid en kalmte vermag veel, en doortastendheid is eene der
grootste deugden. De Transvalers zijn doortastend èn in den oorlog, èn in het
dagelijksche leven, èn in \'t verwezenlijken van illusies.
Sla slechts het oog op de spoorweglijn naar Delagoabaai!
De voltooiing van zulk eene onderneming, ten spijt van ontzettende moeie-
lijkheden, werd slechts ten uitvoer gebracht door de onvermoeide energie van
president Kruger, door de onmisbare bekwaamheid der samenstellers, waarvan
velen hun leven opofferden bij het uitvoeren van het werk, en eindelijk niet
het minst door de getrouwe medewerking en hulp van de nieuwere bevolking,
Officieren van het Johannesbcrger Vrijwilligerskorps.
Kapt. W. A. J. v. Diggelen, Kapt. Oosthuizen, Kapt. Stoa», I.uit-Kol. S. H. v. Diggelen J. P.,               Kapt. Blec-ksley,                     Luit-Kwaitm. Dletsch,
-•\'all.                              (Huzaren).          (Infanterie).                                                                             (Lanciers).                                    (Cavalerie).
Luit. Doorman. Luitenant Melvill,
(Infanterie).
         (Cavalerie).
deze met zijne echtgenoote naar een buurman, met het voornemen om \'s avonds
weder terug te keeren. Een onweder belette hun dit echter.
Tegen den avond kwam een Kaffer naar het huis, met een zakdoek om het
gezicht gebonden. Het oudste meisje, ik geloof dat zij \'n jaar of zestien was,
beviel \'t uiterlijk van den kleurling niet, daarom laadde zij een geweer, en
wachtte bedaard de dingen af die komen zouden.
Het meisje stak een kaars op, en kort daarna werd er aan de deur geklopt.
De inboorling — want hij was het — die geen antwoord ontving, begon met een
steen tegen de deur te hameren, maar ook dit baatte niet....
Toen liep hij naar het venster en sloeg de ruiten in. Het meisje schoot op
hem, juist toen hij binnenkwam — doch het schot miste.
Inmiddels waren de overige leden van het gezin, een jongen van negen jaar,
en twee nog jongere meisjes, met de kaars naar de slaapkamer gegaan.
Zoodra de Kaffer binnen was, ontrukte hij het geweer aan het manhafte
meisje. Toen sloeg hij het met de kolf, tot deze in drie stukken was. Het
kind bleef voor dood liggen.
Hierna trad hij de slaapkamer binnen en begon de andere kinderen te slaan.
Het oudste meisje was spoedig weer bijgekomen. Toen ze de angstkreten
der andere kinderen hoorde, besloot ze haar leven op te offeren voor hen. Zij
snelde naar de slaapkamer, wierp den Kaffer met alle kracht op den grond
wier industrieele ontwikkeling aan den wonderbaren mineralen rijkdom zooveel
heeft gedaan om de bronnen van den Staat te versterken en te consolideeren.
Het was de standvastigheid der bevolking die deze ijzeren baan naar de
zee deed geboren worden. Hoe anders waren al die bezwaren overwonnen,
indien er die echt Transvaalsche geest niet geheerscht had — misschien ietwat
stijfhoofdig — maar toch in onzen tijd van flauwe besluiteloosheid dubbel prijzens-
waardig: „niet terug, nooit terug: altijd recht op \'t doel aan." Zoo verrees
ze, die zekere basis, waarop de economische onafhankelijkheid der Zuid-Afri-
kaansche Republiek voor een groot deel kan bevestigd worden; zoo zyn ze
gewonnen alle die slagen van het verleden.
„Niet terug, nooit terug: altijd recht op \'t doel aan," ook nu zou het zoo
wezen. „Laat ons geen lafaards, maar laat ons helden zijn!" klonk het, en die
kreet vond algemeene adhaesie onder ouden en jongen, onder mannen en vrou-
wen. Op, op ten oorlog___
De trommen worden geroffeld; de krijgshoorns weerklinken.... de Vrijwil-
ligerskorpsen marcheeren door de straten om uit te trekken.
Een solidair gevoel, dat de vrijbuiters niet handelden naar billijkheid, maar
dat hunne wijze van optreden afkeurenswaardig was uit een oogpunt van
recht, van moraal, en van politiek, had al die handen naar de wapenen doen
-ocr page 29-
-
25
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189 0.
heldere ïransvaalsche hemel, matglanzend als bleek-blauw email, in de verte
samensmeltend met de donkere bergtoppen, wier groen langzaam tot zwart
overging.
De afstanden verwazigden in de toenemende duisternis, die uit de aarde
scheen op te stijgen, en het licht, dat nog in de schemering was, wegdrong
i.aar boven, tegen de teere blank-blauwe lucht... \'t werd duister.... nacht!
Maar toch was het niet zoó donker, als andere nachten; want de maan
verspreidde een helder schijnsel___En dt\'uir, onder dien blooten hemel, zich
vertoonend in zijn heerlijkst nachtelijk gewaad, werd, met het geweer in de
hand, het jaar herdacht, dat was voorbijgegaan, en het nieuwe begroet....
Onvergetelijk zal die zonsopgang op den eersten dag van het jaar blijven
voor hen, die zich toen gewapend op de heuvelrij bevonden; aan de eene
zijde de ondergaande maan met matte tinten, aan de andere zijde de zons-
opgang met eene gloeiende zee van rossig licht, en dat alles over het frisch-
groene bergpanorama....
Veldwachten, posten, schildwachten en patrouilles hadden dienst gedaan .. .
maar geen vijand was gezien!
grijpen, had hen vereenigd onder de uitwaaiende vierkleur, om alles te willen
wagen voor vrijheid en recht.
Had de Engelsche kroon niet in 1854, in 1881 en in 1884 plechtig erkend,
dat Transvaal een onafhankelijke plaats in zou nemen in de rij der Staten?
Welnu dan, ten strijd, en generaal Joubert ter zijde gestaan!
\'s Morgens om negen uur kwamen vele burgers van Pretoria bijeen en kozen
een comité voor de handhaving van orde en voor de bescherming van huisge-
zin en have.
Onmiddellijk stelde deze commissie zich diligent en benoemde een sub-comité
tot onderzoek van den toestand der aanwezige levensmiddelen en tevens om
in dezen toestand zoo noodig eenige verbetering te brengen.
Een ander sub-comité zorgde voor de bewapening en organiseering van dege-
nen die zich opgaven tot verdediging van de stad.
De morgen ging voorbij, doch niets werd er vernomen van de 800 Betsjoeana-
mannen. Bij elk der krijgers drong zich de vraag op: wat zal er gedaan
worden, zullen ze worden tegengehouden, maar waar en wanneer; want over
een paar dagen kunnen ze Johannesburg bereikt hebben?
Eindelijk kwam er in den namiddag eenig bericht: ,,De bende — zoo luidde
In de straten to Johaiincsburg gcduronde de onlusten.
het — staat onder kommando van Dr. Jameson (administrateur van Rhodesia)
en van drie andere officieren; zij hebben geweigerd terug te keeren en zijn
doorgegaan."
Een later bericht: „Het Rustenburg-kommando is op weg om hem tegen te
houden, zoodat waarschijnlijk heden gevochten is."
Lang werd er getwijfeld aan de waarheid dier berichten. Zou het mogelijk
z(jn, dat zulk een schanddaad kon worden gepleegd? Was het niet ondenk-
baar dat de hoogste autoriteit van de Chartered Cy. zulk een rol spelen zou?
Reeds nu was de profetie van de Volksstem, zooeven door mij aangehaald,
waarheid geAvorden. Iedereen was om \'t hardst verbitterd over zulk een schen-
ding van het volkenrecht.
Is Rhodes dan werkelijk tot zoo iets in staat? Hij, die zich het vertrouwen
der Hollanders had weten te verwerven, die in hem zagen een echten Afri-
kaander — geen imperialist, geen jingo. Daarom had niemand zich ongerust
gemaakt, toen men hem in de Chartered Cy. zag optreden, en hij de zaken
begon te exploiteeren over de Zambesi.
Even na het eerste bericht volgde een ander: „Er had een deraillement nabij
Pietermaritzburg plaatsgehad, waarbij 30 menschen gedood en 50 gewond werden.
Het waren meest vrouwen en kinderen, die een veilige schuilplaats zochten in
Natal. Op de spoorwegen heerschte groote drukte door de extra-treinen met
troepen, die werden vervoerd, en door het vele personenverkeer. Het goede-
renvervoer was voor het grootste gedeelte gestremd. De nationale Unie te
Johannesburg, die gesommeerd werd of zij de hand in de invasie gehad heeft,
verklaarde er niets van te weten en vond de daad een schurkenstreek."
Nog waren er geen berichten of er een aanval had plaats gehad of niet.
De heuvelruggen in de nabijheid van Johannesburg werden tegen den avond
bezet door de Boeren. Aandachtig luisterend naar elk verdacht geraas, ston-
den ze daar, in hun eigenaardige plunje, schilderachtig afstekend tegen de
schoone omgeving der bergen. Boven hunne hoofden.... de zacht-getinte,
De Nieuwjaarsdag was aangebroken; men wenschte elkander geluk ; men
sprak in stilte een vurigen wensch uit. Wat zou \'96 geven ? Eene voortzetting
der tragedie.... de uitroeping eener nieuwe republiek.... of den vrede?
Vrede, dat heerlijke woord, vol donzige zachtheid; vrede, die zoet-vioeiende
klank te midden van snijdende dissonanten....
Men verbeidde de komst van den Hoogen Commissaris, die was afgereisd
van Kaapstad naar Pretoria.
Sympathiek was de belangstelling van Oranje-Vrijstaat, waar 2000 man
gereed stonden om, op den eersten wenk van Transvaal, ter hulp te komen.
Eene deputatie van de oproerigen uit Johannesburg meldde zich bij de
regeering. Zij kwam rondborstig voor hare meening uit en zeide:
„Toen wij verleden jaar onze petitie om kiesrecht met zoo groote
„minachting begroet zagen, stonden er voor ons slechts twee wegen
„open: öf een beroep te doen op de vreemde mogendheden collectief,
„öf eene beweging op touw te zetten. Wij hebben het laatste middel
„gekozen en er eene groote beweging van gemaakt, Johannesburg is
„in ons bezit; want wij zijn daar heer en meester, en dat de Trans-
„vaalsche politie en de autoriteiten er nog aanwezig zijn, komt alleen,
„omdat wij dit tot heden nog duldden. Wij zijn bereid, de wapens
„neer te leggen en uit te leveren, als de regeering bereid is eene
„commissie te benoemen, die de zaken zal onderzoeken."
Het geheele verhaal der deputatie had niets te beteekenen en diende
slechts om de Transvalere in de war te brengen. De Uitvoerende Raad
besliste dan ook heel wijselijk: „Wij nemen geen besluit, alvorens de Hooge
Commissaris hier is."
Den 2<Jen Januari, circa 11 uur, werd een telegram bekend gemaakt van
den commandant van Middelburg, Trichardt. De Pretoria-correspondent der
„Nieuwe Rotterdamsche Courant" gaf daarvan eene zeer eigenaardige beschrijving:
-ocr page 30-
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 18 9 6.
26
„Triomf, hoezee! de Boeren hebben gezegevierd!" riep hij hartstochtelijk uit.
„Trichardt stond met een kanon op 250 passen van den vijand___en door
dezen werd de witte vlag geheschen! Onbeschrijfelijk was de indruk van dit
bericht. Goddank! Het onrecht zegevierde nu eens niet. Ieder was in opgewekte
stemming, behalve een deel van het Engelsche publiek.
„Bravo! Wat hebben de Boeren zich kranig gehouden. Opeens, zonder gede-
tailleerde bevelen, gaan zij er op los, naar Krugersdorp. Als een zwerm
bekende boerentenue, zonder ander wapen dan hun geweer met patronen, zonder
ander voedsel dan biltong en gedroogd brood, dat eerst in het vet is gelegd.
Vooral de Middelburgers zijn kolossale lui. Er was er een zonder vest; hij
werd daarop gewezen. „Neen wat," zeide hij, „ik heb net zoo mijn broek en
jas gevat, ben te paard geklommen en heb om mijn vest niet gedacht, nie."
I.
•£;]■
aaMC
Een troep Vrijwilligers gereed tot den slag.
sprinkhanen zag men hen plotseling verschijnen. Diezelfde Trichardt kwam
gisteren door Pretoria. Hij en zijne mannen hadden 10 uren te paard gezeten,
en na een paar uur rustens — hunne paarden waren flauw — den tocht
doorgezet naar Krugersdorp, dat ongeveer acht uren te paard verwijderd is.
Welke prachtige figuren!
„Men moet ze zien doorkomen, de Boeren op hunne kleine paardjes, in het
Transvaulsche artillerie tegen Jameson opgesteld.
„Hans Botha, de man die in \'80 negen kogels kreeg, is ook medegegaan,
hij kon er, zoo meende hij, nog een paar bij velen, en hij kon nog best den
neus van een Rooinek afschieten, als hij wilde. Mannen van 60 a 70 jaren
waren er onder; zij zijn bang, dat hunne „zeuntjes" (meest groote gebaarde kerels)
niet goed kunnen vechten en schieten ...."
XI. De slag bij Krugersclorp.
E Transvaalsche onlusten concentreeren zich in\' den slagzij Krugers-
dorp, en daarom is het misschien van belang, het een en ander
van deze mijnplaats mede te deelen.
Ze is gelegen op een afstand van 36 kilo-
meter van Johannes\'burg, waarmede Krugersdorp verbon-
den is door een zijlijn van den spoorweg.
Wegens de goudaderen, welke er zich bevinden, is
het stadje voor de avonturiers geen onbekende.
Krugersdorp heeft eene geschiedenis achter zich, want
het speelde in de geschiedenis der Zuid-Af\'rikaansche Repu-
bliek reeds vroeger een belangrijke rol. Nadat Transvaal in
1877 door de Engelschen geannexeerd was geworden en
alle vredelievende pogingen lot herstel der onafhankelijk-
heid van het land hadden schipbreuk geleden, en nadat
de Engelsche gouverneur Sir Theophile Shepstone aan een
deputatie van Boeren had verklaard, dat Transvaal, zoo-
lang de zon zou schijnen, Engelsen grondgebied blijven
zou, besloten de Boeren op een meeting, welke te Paarde-
kraal — het tegenwoordige Krugersdorp — plaats had, voor
hun onafhankelijkheid te strijden. Zij zwoeren, voor het
geval dat zij werden geslagen, hun woonsteden en neder-
zettingen te zullen verbranden en zich aan gene zijde van
de Limpopo te zullen vestigen. Ben 13den Dec. 1880 werd
aan de Engelschen de oorlog verklaard, en na eenige be-
langrijke gevechten kwam het den 28c" Februari 1881 tot
den beslissenden slag aan den uitstekend gelegen Majoeba-
heuvel van het Drakengebergte. Men weet welke glansrijke
overwinning de Boeren toen op de „Rooybaatjes" be-
haalden. Elk jaar wordt dan ook de gedenkwaardige
28en Februari, de Majoeba-dag, als nationale
feestdag gevierd.
Ter herdenking aan den te Paardekraal
gezworen eed, werd daar een eigenaardig
gedenk teek en opgericht, bestaande uit
kunstig aan elkaar gemetselde ruwe stee-
nen, dat als nationaal monument geheiligd
is en waaraan de Boeren op Paardekraal-
dag een bezoek brengen.
Mij werd van hooggeachte zijde een
programma toegezonden van de feeste-
lijkheden ter gelegenheid der onthulling
„Woensdag 16 December 1891, des morgens te 6 uur: 21 saluutschoten,
te worden afgevuurd onder bevel van den commandant der artillerie; des
morgens te 7 uur worden de Burgers opgeroepen om zich te vereenigen
rondom het op den 14en December 1880 door het Volk
opgericht gedenkteeken tot \'een Gemeenschappelijk Mor-
gengebed
onder leiding van zijn WelEerw., Ds. N. J. van
Warmelo, om zich daar te verootmoedigen voor God, den
Bestuurder aller dingen, en te danken voor de groote
dingen en wonderen aan het Volk gedaan, en om zijne
dankbaarheid en vreugde uit te drukken voor de voorrech-
ten aan dat Volk geschonken.
Daarna zal door Z. H. Ed. den Staats-President de
opening en inwijding plaats hebben van het Gedenkteeken,
door de Regeering tot een „Staand-Monument" opgericht.
Waarop volgt het zingen van het Volkslied („Kent gij
dat volk vol Heldenmoed"), met begeleiding van de muziek
van het Artillerie-korps en alle Schoolkinderen, die daaraan
willen deelnemen en zich daarvoor bij tijds bij de com-
missie aanmelden.
Van des morgens 10 tot 12 uur, Algemeene godsdienstoefe-
ning,
onder leiding van de Eerwaarde predikanten der Hol-
landsche kerken, op verschillende plaatsen. Des namiddags
te 3 uur zullen de navolgende sprekers het woord voeren:
Z. H. Ed. M. W. Pretorius, Ex-President.
Z. Ed. Gestr. de Commandant-Generaal.
Z. Ed. Achtb. de Voorzitter van den eersten Volksraad.
Z. Ed. Achtb. de Voorzitter van den tweeden Volks-
Ed. Gestr. de Vice-President.
6.    Z. Ed. Gestr. de Hoofdrechter.
7.    Superintendent van Onderwijs, die
meer bijzonder de jongelieden zal toe-
spreken.
Te besluiten met dankzegging door Ds.
D. P. Ackerman.
„Donderdag 17 December 189], des
morgens te 7 uur, Morgengebed en Gods-
dienstoefening
op verschillende plaatsen.
Van des morgens half negen tot des
namiddags één uur. Schiet- en Wapenoefe-
ningen,
onder toezicht en regeling van
van het monument. Dat luidde:
Monument te Paardekraal.
Z. Ed. Gestr. den Commandant-Generaal
„Dinsdag 15 December 1891, des na-
middags te 4 uur: Wapenschouwing; des avonds te 8 uur schijfschieten met
electrisch licht of vuurwerk."
en de Commandanten van de verschil-
lende Districten. Zulks ter herinnering aan de hulpmiddelen die de Heere heeft
gezegend in onzen worstelstrijd, voor vrijheid en onafhankelijkheid.
-ocr page 31-
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189 6.                                                                27
Des namiddags van 3 tot 5 uur. Vermakelijkheden te Paard en te Voet (nadere
bijzonderheden en opgave der prijzen zullen bekend gemaakt worden); des
namiddags te half 6 uur zullen door Z. H. Ed. den Staats-President, Z. Ed. Q.
den Commandant-Generaal en den Voorzitter der Feestcommissie, de verschillende
prijzen aan de over-
winnaars uitgereikt
worden; des namid-
dags te 6 uur: Dank-
zegging en sluiting
met gebed; schijfschie-
ten met electrisch licht
of vuurwerk.
De Fekstoommissie."
Daar, bij gelegenheid
dier feestelijkheden,
sprak Oom Paul, en
zijne woorden klonken,
als de teekenachtige
beeldspraak van een
ouden richter, dreigend
door hare kalmte: „Wij
herhalen plechtig, onze
leuze is — Eendracht
en Verzoening, onze
Vrijheid is Orde en
Wet."
Zooals we gezien
hebben, tretfende bij-
zonderheden zijn er
verbonden aan die
plek, waar straks weel-
en de kans om de Boeren te overrompelen dus grooter zou zijn. Deze weg
is echter zeer moeielijk en men was uitgeput, toen men op Xieuwjaarsmorgen
weer op weg ging; nu was do troep op niet meer dan 24 KM. van Jolian-
nesburg verwijderd.
Het dal, waarin
Jameson\'s troep voort-
reed, verwijdde zich
even voor Krugersdorp
komvonnig, en de weg
liep, tusschen een paar
heuvels door, opwaarts.
Wat was dat? ...
Een schot......en
weer een, daar achter
de rotsen...... Dus
de Boeren wisten alles,
waren voorbereid op
zijn komst!
Voortdurend knal-
den er achter de rotsen
schoten en Jameson
begreep dat een afdee-
ling Boeren hun den
weg versperde.
Hij deed een woes-
ten aanval.....
Het terrein was heu-
velachtig. Zijn troep
werd teruggeslagen.
Weer word een aan-
val gewaagd, maar de
Boeren, die zich achter
de rotsen en tusschen
de kogels in dolzinnige
Aanval van Jamesuu.
de spleten hadden opge-
vaart zullen heenvlie-
gen, neervellend kostbare menschenlevens...
Lieden, uitgezonden door de „Chartered Company," die de overrompeling van
Dr. Jameson zouden voorbereiden, seinden op den 29stenDecember: „allright."
Onmiddellijk na dit telegram overschreed Jameson, die zich te Mafeking
bevond, de Transvaalsche grens en rukte met zijne troepen de Transvaalsche
provincie Marico binnen.
Van wat verder op dien tocht is gebeurd, is weinig met zekerheid bekend.
Op Nieuwjaarsdag kwam hij bij Krugersdorp aan.
In dien tusschentijd had hij bijna geen rust gehad; zijn welbewapende en
goed bereden troep, die ook een aantal stukken veldgeschut medevoerde, en door
wagens met proviand gevolgd werd, had den enormen afstand die Mafeking
steld,*waren nagenoeg
veilig voor de kogels der Engelschen, waardoor zij het voordeel hadden van een
prachtige positie.
Door hun onfeilbaar schot brachten zij de mannen van Jameson weder aan-
zienlijke verliezen toe. Een troepje Engelschen, dat zich te ver gewaagd had,
werd reeds gevangen genomen.
Het gevecht duurde elf uren lang. Majoor Sir John Willoughby voerde de
Troep van l>r. Jameson een rivier overtrekkende.
van Krugersdorp scheidt, in drie dagen afgelegd. Kort voor Krugersdorp was
Jameson aangehouden door een boodschapper van de regeering der Kaapkolonie,
die hem aanmaande terug te keeren; maar Jameson liet, terwijl hij spottend
antwoordde, dat hij zich aan dien last zou houden, onverwijld opzadelen en
trok verder naar het Oosten. Intusschen moeten zijne mannen toen reeds veel
hebben geleden door gebrek aan voedsel en vooral door gebrek aan drinkwater,
want er kwam maar geen proviand opdagen. Later bleek, dat de Boeren de
levensmiddelen reeds in de provincie Marico hadden onderschept. Daaren-
boven was de weg over Zeerust genomen, omdat daar weinig hoeven liggen,
Generaal P. A. Oronje.
Engelschen aan. Het was een reeks van schermutselingen, waarin van beide
z\\jden met groote dapperheid gevochten werd.
Toen het donker geworden was, trok Jameson terug en maakte zich op, om
over Randfontein naar Johannesburg te trekken, \'s Nachts te twee uur ont-
dekten de Boeren den toeleg, en het vuur begon opnieuw van weerskanten.
De Maxima werden daarbjj aan het werk gezet; maar het lijkt twijfelachtig
-ocr page 32-
ONLUSTEN IN 18 9 0.
28                                                          I) E T R A N S V A A L S C H E
De gecharterde troepen telden tusschen de 700 en 800 man met 8 Maxims
en 3 Nordenfeldts.
Commandant Cronjé, aan wien Jameson zich overgaf, heeft zijne manschap-
pen vóór zij uiteengingen toegesproken. Hij wenschte hun met den goeden
uitslag .en met hun schitterende houding geluk, maar — voegde hij er bij —
omdat wij dezen indringer hebben gevangen genomen, moeten wij niet meenen
het Britsche ras overwonnen te hebben. Allen moesten zich vereenigen, zeide
of deze in de duisternis wel veel hebben uitgericht. In Krugersdorp heerschte
intusschen wilde opwinding. De ammunitie der Transvalere die sterk vermin-
derd was, werd aangevuld door de Boeren, die er mee uit Johannesburg op
het gevechtsterrein kwamen aanrennen.
Bij het aanbreken van den dag werd er gevochten in de buurt van Roode-
poort, een bewijs, dat Jameson in den nacht toch nog Johannesburg genaderd
was. Reeds toen had hij ongeveer een 70 of 80 man verloren aan dooden,
gewonden en gevangenen.
üe anderen waren uitgeput van honger en vermoeidheid. De macht der
Boeren was intusschen sterk aangegroeid. De doortocht naar Johannesburg
werd nu aan de kolonnes van Jameson afgesneden.
Aan Brink\'s Drift op Vlakfontein stelden de Boeren zich recht tegenover
de Engelschen op, en richtten met groote tusschenruimten zes Maxhnkanonnen
op den vijand.
De stelling der Boeren had heel veel van die, welke zij den vorigen
dag hadden ingenomen, maar nu was ze sterker. Zij hadden twee liniën ge-
vormd, die een rechten hoek met elkaar maakten; het hoekpunt bevond
zich op den weg, dien Jameson, alweer heuvelopwaarts gaande, te nemen had. i
Dr. Jim had geen andere keus dan het hoekpunt aan te vallen en zoo kwam j
fiij onder een kruisvuur van geweer- en kanonschoten. Zijn troep moest over I
een vlak veld tegen den vijand inrijden, terwijl deze zich achter kleine uit-
stekende rotsen verschanst had.
Jameson\'s Maxims weigerden weldra, wegens het gebrek aan water, hun dienst.
De worsteling duurde dan ook niet heel lang meer. De Engelschen zagen
weldra, dat de Johannesburgers hen in den steek lieten en dat de Boeren, |
die hen geheel omsingeld hadden, hen als honden konden neerschieten.
Dr. Jameson in do gevangenis te Pretoria.
hij, om goede betrekkingen en samenwerking aan te kweeken met alle natio-
naliteiten tot heil der republiek.
Zoodra de tijding verspreid werd van Jameson\'s nederlaag — wij hebben het
reeds gezegd — gingen er luide hoerah\'s op onder hen, die tevreden waren met
de regeering. Toen de gevangenen Pretoria werden binnengevoerd, ging er één
vraag: „wat zal er met Jameson gebeuren?"
Volgens recht zou hij alle aanspraak op zijn leven verloren hebben, oordeelde
men, want zijn tocht als administrateur van Rhodesia, met troepen van dat
land (zij waren gedeeltelijk gekleed in de uniform van de Betsjoeanaland-politie;
op alle veroverde geweren stonden de letters B. S. A.), en zijne verantwoordelijk-
heid voor de vele dooden die gevallen zijn, eischen de doodstraf en wel eene
onteerende. En de Pretoriaansche correspondent der JV. R. Ct. voegde bij deze
vraag nog een paar andere. Zou het voor hem wel gelden, dat hij misleid is,
of dat hij onder invloeden stond, want daarvoor bekleedde hij toch eene te
hooge, verantwoordelijke positie? Of gratie misschien niet verstandiger zijn zal?
Zou Engeland hem ridder laten van „the Most Distinguished Order of St. Michaël
and St. George" ? En dan — is die Chartered Cv. niet gebleken een groot gevaar
te zijn voor een Staat, waarmede Engeland zoozeer bevriend wenscht te blijven ?...
Merkwaardig waren de lezingen, die de gevangenen (er waren er 5 a 600)
van het gebeurde gaven. Verscheidenen verklaarden, dat niemand het doel van
den tocht kende; de meesten weigerden om de Transvaalsche grenzen over
te trekken, en deden dit eerst nadat Jameson hun had verklaard, dat hij het
Transvaalsche gouvernement, of volgens anderen de verdrukte landgenooten
wilde helpen — ze hadden niet de minste bedoeling om tegen de Boeren te
vechten....
Of die verklaringen waar zijn, zal eerst later kunnen blijken.
Rhodes hield vol van niets te weten, en naar aanleiding daarvan schreef
„De Express":
„Thans smaken wij de zelfvoldoening — zij het ook eene treurige — dat wij
den heer Rhodes geen onrecht hebben aangedaan, in al die jaren waarin wij
hem even gemoedelijk als volhardend tegenstonden en aanvielen. Wij hebben
Generaal Joubert in den slat\' b(| Krugersdorp.
Te elf uur in den morgen had Jameson zijn laatste patroon verschoten.
Zijne mannen vielen van vermoeidheid bijna van hunne paarden, en geen wonder,
er waren vier en twintig uren voorbijgegaan, waarin zij niets hadden gegeten.
.... Dat is dan het einde geweest van dezen onbeschaamden vrijbuiterstocht:
zich overgeven.
Jameson en de zijnen werden eerst naar Krugersdorp en toen naar Pretoria
gebracht, waar de troep gevangenen gekerkerd werd.
Is het wonder, dat men de raddraaiers moest beschermen tegen de recht-
matige woede der Boeren ?.... De commandant Cronjé heeft hen moéten-
beschermen met zijn eigen lichaam, en dit terwijl de zoon van denzelfden
Cronjé behoort onder de zwaar gekwetsten aan de zijde der Transvalers.
De sterkte der Boeren, die drie malen slaags zijn geweest, bestond uit:
500 man onder kommandant Cronjé
300 „ „
             „          Malan
100 „ „ den veldkornet van Krugersdorp.
-ocr page 33-
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189 0.
29
„Hij heeft „Groote Schuur" gekocht en versierd met al wat voor geld te
koopen was aan Zuid-Afrikaansche curiositeiten. Hij behoort ook de beenderen
dier Transvaalsche burgers te vergaderen die, trouw aan hun land, nabij Kru-
gersdorp sneuvelden; mannen, die hunne vrouwen en kinderen moesten ach-
terlaten, omdat de „Chartered Company" naar meer grond verlangde, naar meer
eer dorstte en zoo mogelijk naar een beetje dividend hunkerde. Het is het
een soort van persoonlijke bewondering voor den man; maar wij beschouwden
en beschreven hem tevens als een zelfzuchtigen, gewetenloozen fortuinzoeker,
oproermaker en speculateur, en de gebeurtenissen hebben onze beschouwin-
gen van dien man gerechtvaardigd. Indien hij ons heeft teleurgesteld, dan is
het in het overboord werpen van dr. Jameson. Dit is een ploertenstreek.
„Zijn compagnie - „The Gold Fields of South Africa" - heeft zijn geld
De slag 1>U Krugorsdorp.
voor doeleinden van oproer en verraad uitgegeven, en doet het thans nog.
Het is z ij n geld, — maar hij weet er toch niets van! Niets hoegenaamd,
alhoewel zijn maatschappij en zijn Johannesburger vertegenwoordigers honderd
duizenden ponden over deze verachtelijke zaak in de straten hebben geworpen.
Als hij uitgedaagd wordt, zal hij zijne compagnie verloochenen, even als hij zijn
vriend, vennoot, en uitvoerder zn\'ner doeleinden — dien armen dr. Jameson —
heeft verloochend___
schandaligste hoofdstuk in de nieuwe geschiedenis — den heer Rhodes waardig".
Wanneer de zaken worden beschouwd, zooals ze werkelijk zijn, wie zou dan
niet van harte instemmen met dit krachtig artikeltje?
-ocr page 34-
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189 6.
30
Dit gevaar, gelijk het grootere voor de onafhankelijkheid van de Republiek,
is nu weder afgewend, en .... misschien keeren de buitensporigheden der
Johannesburgers, en de inval van Jameson zich nog ten gunste der Boeren,
want tegenover de uitlanders staat de regeering nu sterker dan te voren,
door dien laaghartigen inval heeft de republiek zich de sympathie van heel de
wereld verworven, en niet te verwonderen zou het zijn als uit die algemeene
sympathie iets tastbaars overblijft.
De Boeren hebben opnieuw de macht hunner
wapenen getoond, en het aanzien van Engeland
is er leelijk door geknakt....
De speculatie van Rhodes is mislukt. On-
danks zijne machtige vrienden, ondanks zijne
millioenen zal hij zijn charter niet kunnen
behouden. De verontwaardiging over de daad
van Jameson is zóó groot, dat de „Chartered
Company" absoluut vallen moet.
Zullen andere speculanten, begeerig naar het
Transvaalsche goud, niet nogmaals beproeven
wat Rhodes, Beit, etc. tevergeefs ondernamen,
dan — zoo zegt Prof. Dr. C. B. Öpruyt, en wij
zijn het ten volle daarover met hem eens —
moet Transvaal volkomen onafhankelijk ge-
maakt worden en daardoor in staat gesteld de
opruiers in de goudstreken te behandelen, zooals
zij verdienen. Voor de geheele beschaafde wereld
onderwierpen en de Engelsche Regeering zekerheid gaf, dat Jameson zou
worden vervolgd. Het bericht van dit besluit van den President werd met
gejuich door de Engelschen ontvangen en ook Minister Chamberlain zond een
telegram namens de Koningin aan Kruger, waarin deze daad werd geprezen.
De vreugde was echter van korten duur, toen bleek, dat Kruger niet onmid-
dellijk de Engelsche vrijbuiters uitleverde, maar er op stond, dat ten volle
aan zijn voorwaarden zou worden voldaan. Bovendien eischte de Transvaalsche
Regeering, volgens enkele telegrammen, de verbanning van Jameson en Rhodes
uit Zuid-Afrika en eene groote schadeloosstelling van de Chartered-Company.
Over de uitlevering der gewone soldaten van Jameson\'s bende kwam Sir
Hercules Robinson gaarne met President Kruger tot overeenstemming.
Chamberlain, de Engelsche minister van Buitenlandsche Zaken, werd bij zijn
komst aan het station door een saamgestroomde menschenmassa luide toe-
II i 1111
Hercules Uobinson.
is het van groot belang, dat de rijkste goud-
velden der aarde zich bevinden in de handen van een kleinen Staat, wel
geschikt om zich te verdedigen, niet om anderen aan te vallen.
De aandacht dient er op gevestigd te worden dat de Transvaalsche regeering
bestaat uit krachtige mannen, die met een ruim, gezond verstand doortastend
kunnen optreden. Niet alleen heeft president Kruger flinkheid, koelbloedigheid,
hoog diplomatiek beleid en grootmoedigheid getoond, maar ook de ambtenaren
te Johannesburg en in andere plaatsen, en de hoofden van departementen
hebben van gelijke gematigdheid en tact bewijs gegeven in een tijd van
groote opwinding en triomf. Bij het arresteeren van personen en bij het
zoeken naar wapenen en papieren, zijn veel minder barsche en onhebbelijke
woorden gevallen dan verwacht kon worden. Het gezag is met behoorlijke
kracht en strengheid gehandhaafd, maar met een opmerkelijk ontzien van de
gevoelens van het volk. Deze wijze van optreden heeft de ras-hartstochten, die na
jaren langzamerhand verzacht waren, maar door de laatste gebeurtenissen
weer zoo hoog opvlamden, dat, eenigen tijd geleden, geheel Zuid-Afrika
aangetast dreigde te worden, getemperd. In deze crisis hebben de Boeren
zulke mannelijke eigenschappen getoond, dat zij den eerbied der uitlanders,
hebben gewonnen, en, ofschoon de Boeren geen woorden genoeg kunnen vinden
om de daad van dr. Jameson te veroordeelen, uiten zij vrijelijk hunne bewon-
dering voor de dapperheid van hem en zijne mannen.
Een Boer moet onlangs gezegd hebben:
„Wij hebben dit land van onze vaderen geërfd. De grond is rechtens ons,
en als de Engelschman komt om het van ons weg te nemen, dan schieten wij
hem dood; komt de Franschman, dan schieten wij hem dood; komt de Duit
scher, dan schieten wij hem dood. Laat de vreemdelingen komen en naar goud
delven en geld maken, miar zij moeten niet denken aandeel in het bestuur
van het land te krijgen. Als zij vier eeden willen zweren : 1. haat aan de
Engelsche regeering; 2. haat tegen elk ander land; 3. trouw aan deregeering;
4. trouw aan het volk — dan mogen zij burgers worden, anders niet. Wij
Boeren zijn uit de Kaapkolonie getrokken om van de Engelsche regeering af
te zijn. Wij zijn de woestijn ingegaan om met rust gelaten te worden. Gij,
Engelschen, hebt al de rest van Zuid-Afrika. Gij hebt nu Matabelen- en Mas-
jonaland. Wat komt gij u dan hier met ons bemoeien ? Waarom niet leven, en
laten leven ? Gij kruipt op listige manier binnen. Gij smokkelt wapens in, hoe
kunt gij dan verwachten als medeburgers ontvangen te worden?" Deze Boer
sprak zonder boosheid, en aangezien hij twee vluchtelingen van Dr. Jameson\'s
troepen geholpen heeft om in veiligheid te komen in plaats van hen te pakken.
was het buiten kijf een edelmoedig mensch.
Den 3en Januari kwam Sir Hercules Robinson, hooge Commissaris en Gou-
verneur der Kaapkolonie, te Pretoria aan, om met de Transvaalsche Regeering
te onderhandelen. Het recht moest zijn loop hebben en Jameson werd
met zijne mede-aanvoerders ter dood veroordeeld. President Kruger echter be-
vestigde dit vonnis niet, maar verklaarde zich bereid Jameson en zijn mak-
kers uit te leveren, zoodra de oproerige uitlanders te Johannesburg zich
Drie hoera\'s voor Chamberlain.
gejuicht. Hij heeft ongetwijfeld de eer van zijn land gered, en ter elfder ure
nog gedaan, wat hij kon om het conflict te vermijden. Men erkende dan ook
algemeen zijn loyaal optreden. Onmiddellijk werden er door hem strenge maat-
regelen genomen om de ongeregeldheden te keer te gaan, terwijl hij Jameson\'s
optreden desavoueerde. Door Baron von Marschall, staats-secretaris van Bui-
tenlandsche zaken te Berlijn, werden tot den heer Chamberlain groote vertoo-
gen gehouden om een krachtig protest aan te teekenen tegen de schending
van het volkenrecht. Ook de Transvaalsche staats-secretaris, Dr. W. J. Leyds,
heeft al datgene gedaan, wat in zijn vermogen was om de Boeren te recht-
vaardigen.
Dat Dr. Leyds tijdens de onlusten in Duitschland verkeerde, kwam door-
dat hij wegens het vele en dikwijls langdurige spreken in de Volksvergadering,
een chronische keelontsteking had opgedaan, die zeer verergerde op de laatste
inspectiereis in gezelschap van den President, toen de reizigers dikwijls dagen
achtereen in een met stof en zand bezwangerde lucht moesten ademen, zooals
men dit in Afrika — evenals in andere streken waar weinig boomen zijn —
meermalen ondervindt.
Pijnen, noch groote lichaams- en geestesinspanning waren echter in staat
hom ooit een dag rust te doen nemen — hij staat in Zuid-Afrika dan ook
bekend als „de onvermoeide."
En juist gedurende dien tijd had de opstand plaats! — Wat moet het
iemand als Leyds gespeten hebben, er niet bij tegenwoordig te zijn geweest;
hoe graag had hij willen overvliegen om met raad en daad zijn volk terzijde
te staan.....maar wat moet het ook in zijn ziel gejuicht hebben, toen hem
de blijde tijding bereikte: „de slag bij Krugersdorp werd glansrijk door de
Boeren gewonnen!"
%
•
-ocr page 35-
81
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 1 8 9 G.
XII. Het Naspel.
OOR de Nederlandsche Zuid-Afnkaansche Vereeniging te Amster-
dam (Voorzitter W. Gunning; Secretaris C. B. Spruyt) werd na
het vernemen der schitterende overwinning de navolgende circulaire
verzonden aan een aantal Engeische, Duitsche en Fransche bladen.
„Amsterdam, 8 Januari 1896.
„Aan het Engeische volk.
„Het onverwacht bericht van den gewapenden inval van den agent der
„Chartered Company of South-Africa" in het bij traktaat vastgesteld grondgebied
der Zuidafrikaansche Republiek, heeft onze landgenoot-en met bittere veront-
waardiging vervuld. Het snel verloop en de beslissende onderdrukking van
dezen aanslag wekten een gevoel van verlichting, dat, niet verbonden aan eenige
nationaliteit, alle weldenkenden in Europa en Afrika in een solidair gevoel van vol-
doening vereenigt. Immers, hoe men ook oordeeJe over de beweegredenen en het
doel van dezen vermetelen vrijbuiter, het middel, dat hij aangreep, verdient de
scherpste afkeuring. Het is in lijnrechten strijd met de Conventie van 27
Februari 1884, waarvan art. 2 elke schennis der nauwkeurig bepaalde grenzen
verbiedt en zelfs van weerszijden bijzondere commissarissen instelt, om tegen
elke overschrijding te waken. Het slaat de goede trouw in het aangezicht, die
jaren geleden door president Kruger ten koste zijner populariteit werd gehand-
haafd, toen hij zijne landslieden weerhield de Limpopo te overschrijden en buiten
het gebied der Republiek door te dringen. Het vervreemdt eindelijk een groot
deel der Zuid-Afrikaansche bevolking van de Engeische regeering, en wekt den
strijd der nationaliteiten met vernieuwden gloed uit de nog smeulende asch.
Het vervult ons daarom met diep leedwezen, dat sommige gezaghebbende
Engeische bladen beschouwingen geven, waarin de onverantwoordelijke handel-
wijze van de agenten der „Chartered Company" wordt verontschuldigd, ja zelfs
verdedigd en alleen hare mislukking betreurd. Deze taal kan slechts het gevolg
zijn eener bewuste of onbewuste verblinding.
Of weet het Britsche volk niet, dat de Zuid-Afrikaansche Republiek een Staat
is van Europeesche afkomst, onder ontelbare bezwaren met bloed en tranen
gesticht, door een kloek geslacht, dat onmiddellijk aan het thans levende
voorafging ? — Weet het niet, dat de onafhankelijkheid van dien Staat her-
haaldelijk, met name in 1854, 1881 en 1884 plechtig is erkend door de Engei-
sche Kroon en hare gevolmachtigden? — Weet het niet, dat die Staat, steeds
en onder alle omstandigheden met de grootste nauwgezetheid zijne contractu-
eele verplichtingen heeft vervuld en bij elke gelegenheid zijn ernstigen wil
heeft geopenbaard, om aan de wenschen en de klachten van de autoriteiten
der naburige Engeische Koloniën te gemoet te komen, vaak met edelmoedige
verzaking van eigen grieven? — Is het dan rechtvaardig de natuurlijke ont-
wikkeling van dien Staat met leede oogen gade te slaan, bij elke gelegenheid
te dwarsboomen en elk wettig of onwettig middel aan te grijpen of aan te
prijzen, om het volk van zijn duur gekochte en plechtig erkende zelfstandig-
heid te berooven?
De ondergeteekenden, Nederlanders, uit hetzelfde bloed gesproten als gind-
sche Afrikaanders en even fier op onze duur verworven vrijheid, beroepen ons
op uw eigen sterk nationaal bewustzijn, dat u dringen moet aan zwakkere
natiën gelijke rechten toe te kennen en gelijke achting te bewijzen, als waarop
gij zelf tegenover tegenstanders aanspraak maakt. Wij vragen u overeenkom-
stig recht en plicht het volledig zelfbestuur van andere natiën te eerbiedigen
en niet te dulden dat, rechtstreeks of zijdelings, door ambtenaren of privaat-
personen, op grond van stoffelijke of politieke belangen eenige inbreuk gemaakt
wordt op de zelfstandigheid eener Republikeinsche Regeering, die getoond
heeft de noodige kracht en den vasten wil te bezitten, om hare eigen aan-
gelegenheden te beheeren en aan alle billijke wenschen te gemoet te komen.
Alleen door eene strenge handhaving der beginselen van recht en moraal kan
het geschokt vertrouwen hersteld en de geleidelijke ontwikkeling van Zuid-
Afrika worden verzekerd."
bij het binnenvoeren der hoofden van den Vrijbuiterstroep. Voor de gevangenis
stond een sterke macht gewapende en bereden Boeren, onder commando van
veldkornet Marais, en het uur der aankomst, evenals de plaats waar de aan-
voerders voorloopig zouden worden opgesloten, werden strikt geheim gehouden.
Te tien ure kwam een gesloten „spider" met vier paarden bespannen, begeleid
door een klein aantal Boeren, onder commando van veldk. Uijs, schuin over
het veld tusschen Johannesburgpoort en de gevangenis rijden. Dit was de troep
die dr. Jameson, generaal White en kapitein Willoughby naar de tronk overbracht.
Dr. Jameson was gebroken. Toen hij het rijtuig verliet, kon hij nauwelijks
loopen en met gebogen hoofd strompelde hij voort: vermoeienis, teleurstelling
en schaamte hadden den krachtigen man geknakt. Ook generaal White en
kapitein Willoughby waren diep terneergeslagen, en schenen èn het schandelijke
hunner gewelddaad èn het vernederende van als roovers in de gevangenis te
worden opgesloten, levendig te gevoelen.
Gedurende de geheele reis naar Pretoria had Jameson geen woord ge-
sproken. In zijn cel gebracht, viel hij op de legerstede achterover en bleef
daarop goruimen tijd bewegingloos liggen ....
Het moet een machtig en indrukwekkend gezicht geweest zijn, toen de
Boeren, die de taak der overbrenging hadden vervuld, met luitenant Paff en
een sergeant met de Transvaalsche vlag aan het hoofd, met de gevangenen
bij de tronk aankwamen. Dank zij de genomen voorzorgsmaatregelen was het
aantal toeschouwers bij de gevangenis zeer gering.
Zoodra Kruger besloten had, de oproerlingen amnestie te verleenen en
alleen de hoofdlieden gevangen te houden, om hen later uit te leveren aan de
Engeische regeering, werd het volgende telegram ontvangen:
„Ik heb van H. M. de Koningin de opdracht ontvangen U mede te deelen,
dat Hare Majesteit met voldoening heeft vernomen, dat gij besloten hebt de
Chnmberlain.
krijgsgevangenen aan Hare regeering uit te leveren. Deze daad zal strekken
tot verhooging van de eer Uwer Excellentie, en zal bijdragen tot den vrede
in Zuid-Afrika, en tot eene eendrachtige samenwerking tusschen de Engeische
en Hollandsche rassen, welke noodzakelijk is voor de ontwikkeling en bloei
van Z.-A. in de toekomst."
In antwoord daarop schreef Kruger, dat het werkelijk zijne bedoeling was de
hoofden van den opstand aan de Engeische autoriteiten uit te leveren, opdat zij
door de Engeische regeering zouden worden gestraft, terwijl hij verzocht de
Koningin te verzekeren, dat hij de woorden van Hare Majesteit op prijs
stelde en er Haar voor dankte. Hij bood H. M. zijne goede en eerbiedige
wenschen aan.
De crisis is voorbij, maar___aan beide zijden zijn hartstochten gewekt, die
in geen jaren tot bedaren zullen komen; het wantrouwen van de Boeren tegen
de uitlanders is tienvoudig toegenomen en het gevoel van fiasco te hebben
gemaakt heeft bij de uitlanders diep wortel geschoten. Bij beide partijen
heerscht eene levendige begeerte naar een duurzaam bestaan van de Transvaal
als Republiek, maar de eenvoudige, pastorale Boer vindt de gedachte van
geregeerd te worden door de Uitlander-speculators een gruwel en de vooruit-
strevende Uitlander-kapitalist wrokt tegen de hinderpalen die hem en zijn
ondernemingsgeest in den weg worden gelegd door den — zooals hij hem
gelieft te betitelen — „ongelikten" Boer.
Om eene verzoening tot stand te brengen, zal er dus van weerskanten veel
water in den wijn moeten gedaan worden......
Den 4en Januari trokken de Boeren van Johannesburg met hunne gevange-
nen naar Pretoria.
De opwinding onder de Boeren en ingezetenen was zeer groot en van re-
geeringswege was men bevreesd, dat er ongeregeldheden zouden plaats grijpen
Offitieele opgaven door Sir Hercules Robinson aan zijne regeering geseind van
Jameson,8 troep bij Krugersdorp.
Gesneuveld: 1 sergant, 2 korporaals, 14 minderen. Zeer zwaar gekwetst:
twee man, waaronder inspecteur W. J. Barry.
Zwaar gewond: 1 korporaal en 9 minderen.
Licht gewond of ziek: kolonel Grey, majoor Crosse, kapitein Coventry,
onder-inspecteur Cazzalette en 33 minderen.
-ocr page 36-
32
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189 0.
Vermist zijn daarenboven 25 personen, maar men vermoedt dat velen
hunner naar Johannesburg ontsnapt zijn.
partij in Kaapland hare onafhankelijkheid hernomen heeft, die door het be-
ruchte compact van Rhodes en Hofmeyr was opgeheven. De taal en houding van
den laatstgenoemden, die, naar herhaaldelijk beweerd en nooit tegengesproken
is, berouw gehad heeft van zijn schikking met Rhodes, sedert het oogenblik
dat hij haar aanging, schijnen almede aan te duiden, dat hij zijne gehoorzaam-
heid aan dien man opgezegd heeft, toen hij bespeurde, dat hij anders zijn
reeds geknakt prestige bij de Hollandsche partij geheel verbeuren zou. Dit
zoude de heftige woordenwisseling met Rhodes en diens bittere verwijten
ophelderen. Rhodes meende Hofmeyr
gekocht en tot een creatuur gemaakt
te hebben, en ziet — nu komt de oude
leider der Hollandsche partij aan de
Kaap in opstand tegen zijn vermeen-
den chef.
Is deze opvatting juist, dan ligt het
voor de hand, dat de gewelddaad van
Jameson, per slot van rekening, nog
meer goed zal doen dan aanvankelijk                                 ^ s
leek en door de Rhodes-partij beoogd           ^LJK^\'^^^^ylli&w
werd. Misschien was de staatsgreep van                                          \'\'
den dokter-boekanier eenvoudig haar
va-tout, toen zij de overtuiging gekregen
had, dat haar tanende invloed slechts
door een paardenmiddel kon worden
Cecil Rhodes heeft, daartoe genoodzaakt, ontslag genomen als premier der
Kaapkolonie. Tot zijn opvolger is benoemd Sir Gordon Sprigg - iemand van
wiens gematigdheid men goede verwachtingen heeft, maar die daartegenover
bekend staat als een zwak politicus, die na vele dobberingen, eindelijk in den
schoot van Cecil Hhodes beland is. Met Sprigg zijn
eenige nieuwe mannen in het Kaapsche bewind
opgetreden. De samenstelling van het ministerie
der Kaapkolonie is van groot belang, omdat de
ollicieele verhouding tusschen Engelschen en Boeren
in Zuid-Afrika voor een groot deel afhangt van deze
waardigheidsbekleders, en ook omdat de emigran-
ten en speculanten zeker veel voorzichtiger zullen
zijn, als zij zich niet overtuigd kunnen houden, de
koloniale regeering achter zich te hebben. Er zijn
nu zonder twijfel elementen in de Kaap-regeering
gekomen, die de Boeren welgezind zijn.
In dat ministerie nemen plaats, Sir Thomas Spring-
ton als advocaat-generaal, dr. T. N. G. Te Water,
thans afgevaardigde voor Graaf Reinet, als staats-
secretaris der Kolonie, de heer P. H. Faure, als
Sir Gordon Sprigg.
Francls Hhodes.
hersteld. Nu de waaghalzen gespeeld
hebben en door Kruger overtroefd zijn —
nu schijnt het wanhopige „partijtje" in een bankroet van de Rhodes-partij \'geëin
digd te zijn.
minister voor landbouw, en de heer Sir James Sive-
wright, als minister van openbare werken. Zeer veel
belang wordt hier gehecht aan het optreden van dr. Te Water en den heer
Faure, die beiden ondersteld worden meer den heer Hofmeyr, dat wil zeggen
T)e horren met hunne gevangenen te Pretoria.
Transvalers, die het weten te beoordeelen, zien in het optreden van een
feitelijk Hollandsch ministerie aan de
Kaap een bloedelooze omwenteling ten
goede. Met Rhodes, meenen zij, is het
thans voor immer uit. Nooit zal hij
meer de merkwaardige, eenige positie
kunnen innemen, die hij heeft bezeten
en willekeurig of onbewust verspeeld.
Van nu af aan zal men de Kaap een
gansch andere stelling zien aannemen,
ook tegenover Transvaal en den Oranje-
Vrijstaat. De tergende Rhodes zal niet
langer kunnen kuipen en samenspan-
nen, gelijk hij in de inlijving van Ama-
tongaland, in de quaestie van Swazi-
land en de Vaaldriften gedaan heeft.
Eerder zal de nieuwe Kaapsche regee-
ring thans beslist aan de zijde van
de Hollandsche partij, te vertegenwoordigen dan den Afrikaanderbond, welke
zich telkens sterker vereenzelvigd had met de politiek van Rhodes. Maar ver-
reweg de belangrijkste persoon in het nieuwe ministerie van de Kaap is Sir
James Sivewright, omdat hij in den loop der jaren bijna de eenige Kapenaar
van beteekenis geweest is, in wien Paul Kruger vertrouwen bleef stellen, zoo
zelfs, dat hij van „Oom Paulr dingen heeft kunnen gedaan krijgen (bv. in de
spoorwegquaestie), die geen ander in Kaapland ooit zou hebben kunnen erlan-
gen. En Waarom? Omdat de Staatspresident bevonden heeft, altoos op Sivewright
te kunnen rekenen als op een vertrouwd vriend der Boeren, een onwankelbaar
voorstander van het gelijke recht dat in Zuid-Afrika de Hollanders hebben.
Zoo is Sivewright, van afkomst een Schot, een onvermoeid en talentvol be-
pleiter der Hollandsche taalrechten in Zuid-Afrika geweest. Toen hy daar
aankwam, ongeveer twintig jaren geleden, kon men geen Hollandsch spreken
in het Kaapsche Parlement en niet in het Hollandsch telegrafeeren. Beide
dingen kan men nu vrijelijk doen, dank zij vooral den bemoeiingen van mannen
als Sivewright.
Men weet dus in Pretoria, wat men aan hem heeft, en dat men aan hem
een zetel gegeven heeft in het nieuwe ministerie, is een zaak van groot ge-
wicht voor Zuid-Afrika. Kapenaars en Transvalers aldaar, die niet zijn op de
hand van Cecil Rhodes, zien daarin een heugelijk blijk, dat de Hollandsche
Hercules Iiobinson.
Transvaal optreden, ook tegen Enge-
land, ofschoon even wars van Duitsche als van andere uitheemsche inmenging.
-ocr page 37-
DE TRANSVAALS CH E ONLUSTEN IN 189 0.
33
De heer Chamberlain zal den gewijzigden staat van zaken in Zuid-Afrika
ongetwijfeld begrijpen en daarnaar handelen. Is het hem inderdaad om recht voor
allen aldaar te doen, dan zal hij zich gerugsteund voelen tegenover de zooge-
naamde imperialistische avonturiersbende van Cecil Rhodes en consorten, door
Francis Rhodes — een broeder van Cecil — en Lionel Phillips, voorzitter der
Nationale Unie. De uitkomst heeft echter geleerd, hoe slecht hunne maat-
regelen genomen waren, en als zij misschien gemeend hadden, de Boerenre-
geering nog te intimideeren, kan die
opinie niet stand gehouden hebben, toen
een 50 a 60 leden der Nationale Unie,
waaronder Phillips, Rhodes, Farrar,
Max Langermann, in hechtenis geno-
men en onder beschuldiging van hoog-
verraad naar de gevangenis te Pretoria
opgezonden werden. Ook voor deze hoe-
ren, de aanstokers van het heele ge-
val, zou de zaak nog wel slecht kun-
nen afloopen.
Het rechtsgeleerde orgaan „Law
Journal," beweerde, dat, zonder eenigen
twijfel de Britsche regeering uit een
internationaal oogpunt verantwoordelijk
4
een hereenigde en als herboren Hol-
landsche partij in al de Zuid-Afrikaan-
sche Staten. Jameson zou dan niet
Johannesburg ontzet, maar Zuid-Afrika
verlost hebben van het dwangjuk der
„gecharterde" poliep.
Een der eerste stappen, die de En-
gelsche regeering doen kon om haar
verantwoordelijkheid te redden, was het
vervangen van Dr. Jame.son, als ad-
ministrateur der Britsch-Zuid-Afrika
Maatschappij in Massonaland. Tot zijn
opvolger werd benoemd de heer Francis
J. Newton, die den post van vertegen-
woordiger der Engelsche regeering in
Betsjoeanaland bekleedde.
zou zijn voor de handelingen van den
Francis .1. Newton.
Li..i;. I Phillips.
commissaris der „Chartered Company."
Elk ander stelsel zou tot bedenkelijke misbruiken aanleiding geven; immers een
regeering zou kunnen goedvinden om heimelijk machtiging te geven tot handelin-
gen, welke zij later formeel zou verloochenen, ofschoon de gevolgen reeds een
uitgemaakte zaak waren. Elke regeering, wier ondergeschikte, hetzij door over-
dreven ijver, hetzij op een andere wijze gefaald heeft, is volkomen aansprake-
lijk tegenover de vreemde natiën, en deze verantwoordelijkheid sluit de nood-
zakelijkheid van vergoedingen in, wanneer het volkenrecht geschonden is.
Maar de regeering te Pretoria zat
van haar kant evenmin stil. Toen het
zaakje met dr. Jameson zonder veel moeite in orde gebracht was, moest met
de uitlanders te Johannesburg afgerekend worden. De bewijzen werden meer
en meer aangebracht, dat te Johannesburg een werkelijke samenzwering op
touw gezet was, om de regeering van Transvaal omver te werpen en een
Engelsch bewind daarvoor in de plaats te stellen. De ziel van dit complot, dat
van de „Nationale Unie" der uitlanders te Johannesburg uitging, waren kolonel
XIII. Hoe de overwinnmg bij Kièu.g;erscLoi\'p
in Europa; begroet werd..
En dan.... het machtige Duitsche rijk!
Ondubbelzinnig weerschalden daar de triumfkreten, waar Keizer Wilhelm
voorging met de betuiging zijner warme hulde, vervat in het door hem afge-
zonden telegram d.d. S Januari 1896 :
Daar is een zucht, die gloeit in ieder herte;
Daar is een kreet, die dreunt door ieder land;
\'t Waait uit do vlag, dio wappert in de verte;
\'t Vliegt mot het schip, dat stevent van het strand.
Vry zyn! Vrij 41"!
Dreune \'t ook uit onzen mond,
Daar op Afrikaanschen grond.
Daar geen volk op \'t waereldrond,
Vryer is dan w\\j zyn!
Wie kent ze niet, de Huguenots en Geuzen?
Ze zeilden uit op wilde volken af.
Elk waerelddeel bracht schatting aan die reuzen.
Wn\' zn\'n hun zoons, en zwaaien hier den staf.
Vrü zl)n! Vry z\\]n!
Dreune \'t ook uit onzen mond,
Daar op Afrikaanschen grond,
Daar geen volk op \'t waereldrond,
Vryer is dan wü zyn!
De vjjand kwam----Ons wilde hy tot slaven....
Te paerd! te paerd! met buksen en met lood!
Waar bleef hy, waar? Men vrage het aan de raven:
Langs eiken weg zyn nog de rotsen rood.
Vr(j zyn! Vry zyn!
Dreune \'t ook uit onzen mond,
Daar op Afrikaanschen grond,
Daar geen volk op \'t waereldrond,
Vryer is dan wy zyn!
Jong is de Staat; maar eikels worden booinen,
\'8 Lands moed, \'s lands eer. O, God verlaat ons nooit;
Laat op Transvaal uw zegen nederstroomen;
Was Afrika met Steden eens bestrooid!
Vrü zün! Vrü zfln I
Dreune \'t ook uit onzen mond,
Daar op Afrikaanschen grond,
Daar geen volk op \'t waereldrond,
Vryer is dan wy zyn!
Zóó bezong jüliüs de geytkr de schitterende overwinning der Transvalere.
De meesleepende muziek van peter benoit en de krachtige woorden van onzen
bekenden dichter enthousiasmeerden het Vlaamsche volk, dat luidruchtig de
coupletten aanhief in schouwburgen en concertgebouwen, langs straten en wegen.
In Frankrijk bleef de moed der Boeren ook niet ongehuldigd, en werd de
slag bij Krugersdorp toegejuicht, als het bewijs, dat in de politieke wereld
het woord „zedelijkheid" reden van bestaan heeft en het recht van den zwak-
kere niet geheel zonder straf door den sterkere kan worden verkracht.
Behalve dat de geheele Fransche pers haar afkeuring te kennen gaf over
den rooftocht van Jameson, en de Boeren schetste als een kranig, diep patriot-
tisch volk, de regeering — als eene krachtige, met een zelfbewusten president
aan het hoofd, verklaarde Francois Déloncle, dat de onafhankelijkheid der
Z. A. R. onomstootelijk vaststaat, en een Europeesche tusschenkomst ten
behoeve der neutraliteit dezer republiek hoogst wenschelijk zou zijn.
*
4gé&^
„Ik betuig U mijn oprechten gelukwensch, dat het aan Uw volk, zonder
een beroep te doen op de hulp van bevriende mogendheden, gelukt is uit
eigen kracht tegenover de gewapende benden, die als vredeverstoorders in
Uw land gevallen waren, den vrede te herstellen en de onafhankelijkheid van
het land tegen aanvallen van buiten te verzekeren.
Wilhelm."
Het antwoord van president Krüger luidde:
„Ik betuig Uwe Majesteit mijn zeer innigen en diepgevoelden dank voor
den welgemeenden gelukwensch, mij door Uwe Majesteit gezonden. Met Gods
hulp hopen wij ook verder te doen, wat in ons vermogen is, tot handhaving
5
-ocr page 38-
84                                                                DETRANSVAALSCHE
ONLUSTEN IN 189 6.
vredebreuk te verhinderen, onze regeering zich het recht voorbehoudt, hare
koloniale troepen door Britsen Betsjoeanaland — dat zich inderdaad in han-
j den der Z. Afr. Mij. bevindt, en door haar als basis wordt gebruikt tot een
j aanval op een met Duitschland bevrienden staat — te laten oprukken naar
I Transvaal om de regeering aldaar tegen de vrijbuiters hulp te verleenen.
3°. Dadelijk uitzenden der beide Duitsche kruisers van het Oost-Afrikaansche
marinestation naar de Delagoabaai; afzenden van andere schepen uit Duitsch-
land naar die wateren; telegrafisch aanbod van Duitsche gewapende hulp aan
president Kruger en verzoek aan de Portugeesche regeering, om voor het
geval dat deze hulp wordt aangenomen, het doortrekken van de troepen door
haar gebied toe te staan.
Binnen acht dagen zouden eenige honderden Duitsche zoosoldaten in Trans-
vaal kunnen zijn....
Gelukkig dat iets dergelijks [niet noodig is — doch dergelijke voorstellen
„onzer zoo duur gekochte onafhankelijkheid en tot bevestiging onzer dierbare
„republiek."
Druk werd deze uiterst goede verhouding tusschen den Duitschen Keizer
en Transvaal besproken, en wat meer is.... men verwachtte ernstige con-
flicten tusschen „Brit" en „Mof." Eerstgenoemde mogendheid is eindelijk
tot het inzicht gekomen, dat het telegram van den Duitschen Keizer aan
Kruger, waarover zooveel te doen is geweest, toch niet die beteekenis had
welke men er daar aanvankelijk aan toeschreef.
Gelukkig evenwel onder die omstandigheden, dat Chamberlain zich geen
enkel oogenblik liet medesleepen door de Jingokreten, die overal in den lande
opgingen en de Duitschers zich geen oogenblik bang lieten maken door de
bedreigingen, die hun door de Engelschen naar het hoofd werden geworpen.
Alleen waar Engelsche bladen het wilden doen voorkomen alsof zij veront-
schuldigingen hadden gemaakt over hunne handelwijze ten opzichte der Trans-
vaal, hebben zij terecht met nadruk tegon zulk een laster protest aangeteekend.
(Jok tegenover de uitbreiding van Engeland\'s vloot, waarmede ijverig wordt
voortgegaan, blijft Duitschland erg kalm, daar het zeer goed begrijpt, dat hier
meer van eene politieke dan van eene oorlogszuchtige handeling sprake is.
De opgewonden gemoederen der „Britten" moeten toch door iets tevreden gesteld
wordt\'ii, en de minister van marine vindt dit nu tevens eene voortreffelijke
gelegenheid om, waar er toch eenmaal gelden voor zijn toegestaan, Engeland\'s
vloot te versterken en te vernieuwen.
Engeland heeft zich ook het voorkomen gegeven, alsof het zich ten eene-
male van het drievoudig verbond wilde afkeeren en zich met Frankrijk ver-
eenigen, waardoor het Rusland ook aan zijne zijde hoopte te krijgen, doch de
Duitschers hadden alle reden om te vragen, waaruit toch ooit. gebleken was,
dat Engeland zooveel belangstelling voor dit verbond getoond had? En Frank-
rijk - al mocht het ook, toen Engeland zich zulk een voorkomen gaf — er zich
een oogenblik toe aangetrokken gevoeld hebben om met dezen staat gemeene
zaak te maken en een streep te halen door zijne eenmaal te kennen gegeven |
waardeering over de flinke handelwijze van den Duitschen Keizer, spoedig
nam deze republiek toch weder eene andere wending, toen zij zoo duidelijk
bemerkte, dat Rusland onvoorwaardelijk Duitschland in zijn optreden tegen-
over Engeland bleef steunen.
Weldra kwam zij er dus weer openlijk voor uit, dat zij onvoorwaardelijk
met Duitschland voor de Transvaal partij bleef kiezen.
De Koningin van Engeland en Wilhelm reikten na een paar lange brieven
door hen persoonlijk geschreven, elkander de hand der verzoening. Zou het
Chamberlain in zijn studeerkamer.
uit den mond van \'t Volk zijn duidelijke bewijzen, hoe het denkt over den
Boer, over den rechtgeaarden Transvaler!___
De Duitsche koloniale vereeniging te Berlijn telegrafeerde:
„De Duitsche koloniale vereeniging te Berlijn zendt haar eere-lid President
„Kruger haren groet; zij hoopt dat de Boeren de rebellen spoedig ten onder
„zullen brengen. Het Duitsche volk staat aan hunne zijde.
Dr. Gösling."
Ook de Russen stemden in het koor der zulken, die het toeriepen aan een
ieder, die het maar hooren wilde: „Weg met Jameson, met Rhodes, en al die
mannen — leve Kruger en zijne wakkere onderdanen!"
Het Russische blad Nóvoje Wrétnja schreef:
„De rooveraanval van een bende Engelsche avonturiers op de Transvaal is
opmerkelijk spoedig afgeloopen en wel uiterst treurig voor die voorvechters
van de Engelsche intrige, die er op uit was het aan goud zoo rijke grondgebied
van de Boeren in te palmen." De Boeren hebben opnieuw bewezen, dat zij
onverschrokken beschermers van de .onafhankelijkheid van hun republiek"
zijn, en president Kruger heeft zn\'n verholen bedreiging gestand gedaan.
Het verzoek van Chamberlain om „genadige behandeling" van Jameson en
de overige gevangenen, vindt het Nóvoje Wrémja ongepast en in tegenspraak
geen heerlijk denkbeeld genoemd kunnen worden als alle politieke geschillen
zoo konden worden bijgelegd ? ....
En dit geschiedde terwijl het Duitsche volk als één man Jameson\'s daad
ten scherpste veroordeelde, terwijl het de volgende middelen beraamde om
de Transvalere langs diplomatischen en langs militairen weg te ondersteunen:
1°. Protest tegen de vredebreuk, als onmiddellijke bedreiging van alle in
Zuid-Afrika gebied bezittende staten; uitnoodiging aan Frankrijk, Rusland, de
Vereenigde Staten en Portugal om zich bn" dit protest aan te sluiten.
2°. Verklaring, dat, mocht de Engelsche regeering buiten staat blijken, de
-ocr page 39-
35
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 189 0.
ge weet het, wij kunnen niet, maar onze machtige, edele naburen, onze üuitsche
broeders, zij kunnen het wel.
Wat zouden we vurig wenschen, dat dit de laatste slag was, waarvan gij
getuigen zijt, waarvan uw land getuige is----Met bemoediging zouden we u
willen toeroepen: „Houdt moed, Transvalere, laat die vierkleur wapp\'ren o\'er
die land!"
Blijft één, blijft uwe leuze getrouw: „Eendracht maakt macht." God zal
u zegenen!
Konden we het maar tot u zeggen: „Wat er ook gebeure, rekent op ons."
Maar, waar dat niet kan in rechtstreekschen zin — op onze genegenheid, daarop
kunt ge staat maken, nu, en ten allen tijde, want steeds blijft liet hart van den
Nederlander warm kloppen voor u, die getoond hebt, nog Hollanders te zijn
in de ware beteekenis des woords.
Onze voorouders hebben in moeielijke dagen gejubeld:
„Wilhelmus van Nassouwe
„Ben ik van Duitsche bloed."
Gij kunt thans zingen:
„Kent gij dat volk vol heldenmoed.
„En toch zoo lang geknecht?"
Ja, gij zijt een volk „vol heldenmoed" — en omdat ge dat zijt, omdat ge
ons herinnerd aan uwe — en daardoor ook aan onze voorouders — daarom is
het dat we u liefhebben, dat we u hoogachten, met een liefde, en een achting,
die sterker zijn, dan die van één mogendheid, welke met u bevriend is — maar
met eene liefde en achting een familie-lid waardig!
De Transvaalsche vierkleur mag er prijs op stellen, in verschillende Euro-
peesche landen te worden vertegenwoordigd door een man als Jonkheer Beelaerts
van Blokland, die zich met de laatste kwestiën weder zoo verdienstelijk heeft
weten te maken.
Een kort woord te zijner eere zij hier neergeschreven.
Zijn grootvader ging na den vrede van Amiens, in 1802, naar Zuid-Afrika en
heeft daar als „Attorney Generaal" gewoond tot 1819. Door zijn 17-jarig verblijf
daar ginds had hij land en volk zóó lief gekregen, dat hij na zijn terugkeer
z\'n woonhuis met de gulste gastvrijheid openzette voor alle Afrikaanders.
De kinderen erfden die liefde voor den Boer.
En zoo kwam het, dat de tegenwoordige Beelaerts reeds vroegtijdig de
Republiek ging bezoeken.
met het voorafgaande desaveu van de regeering. „Als Jameson gehandeld
heeft op eigen risico en de Engelsche regeering alle verantwoordelijkheid voor
zijn handelingen van zich afschuift, dan heeft de Transvaalsche regeering niet
aileen het volste recht, maar den plicht, om den inval van die avonturiers
te beschouwen als een gewonen inval van roovers, strafbaar volgens de wet-
ten <ies lands. Van een „genadige behandeling" in den geest van den heer
Chamberlain kan geen oogenblik sprake wezen. De hoofdman van een bende
roovers, beoogende de wettige, door geheel Europa erkende regeering van een
land, waarin het een inval heeft gedaan, omver te werpen, — die hoofdman moet
de straf ondergaan die hij verdient, al was het alleen omdat gratie aan dezen
deugniet de Engelschen in de Transvaal zou doen neerzien op de zwakheid
van president Kruger. De Boeren zijn geen wilden...."
En in Amerika riep men:
„Geen straf is te zwaar voor zulk een wreeden inval in een onafhankelijken
en bevrienden staat, en de stoere Hollanders behoeven niet te vreezen dat
Europa of de Unie hen zal wraken, als zij Jameson en zijn schurkachtige hand-
langers ophangen aan den eersten den besten boom. Het was tijd dat er een
grens werd gesteld voor Engelsche aanmatiging en begeerigheid die \'t op zwakke
landen voorzien hebben, — en dat de Transvaalsche Patriotten „John Buil" eens
een duchtigen slag hebben toegebracht, dat is zoowel aan deze zijde van den
Oceaan als in Duitschland en Frankrijk met onverdeelde voldoening gezien;
nooit is o]) een vredelievend en achtbaar volk een zoo ongemotiveerde en
schandelijke aanval gedaan sedert Pizarro\'s inval in Peru."
Majoor C H. vuiins
Kapitein Covciitry.
Luitenant H. F. Scott.
■ •
■»
Majoor Sir Kaleigh Grey.
— Dat van Amerika — en ook Portugal gaf zijne meening te kennen tegen
de Engelschen en vóór de Boeren. Maar, waar we spraken over de hulde, die
men den Transvaler in andere landen toebracht — zouden we daar kunnen
zwijgen van Nederland, van ons dierbaar Vaderland?
Neen, volstrekt niet! Ons heeft de overval getroffen, diep getroffen, en wij
hieven de hoofden omhoog, wij allen eenparig,----over zulke afstammelingen.
Gehjk een ouder trotsch is op z\'n kind, gelijk hij neerziet met verwachting,
met hoop op zijn toekomst, zoo gaat het ons tegenover Transvaal.... Wij
zijn van één stam, wij zijn kinderen uit één huis, we leven met elkander, we
lachen met elkander, we schreien___en bidden met elkaar 1
Arme Boeren, dat gij zooveel te lijden hebt, dat ge achtervolgd wordt overal,
en telkens opnieuw!
Niemand maakt go het lastig, en toch — toch kon er geen vrede heersenen
in uw land. Wanneer zal dat uit zijn? Wanneer zal u rust gegund worden,
na al dat strijden, na al die tranen, die er geschreid zijn, terwille van dat
eene — van de Vrijheid.
O, konden wij u helpen, konden wij voor u strijden! Maar ons volk is klein,
S}-l£-W^~\'"\'M -**r
^S^e^^^*^
Daarna keerde hij in Holland terug. Kort na zijn promotie aan de Leidsche
Hoogeschool werd hij op 25-jarigen leeftijd aangesteld tot advocaat-diaken,
welk ambt hij vele jaren vervulde.
Sedert verscheidene jaren is de heer Beelaerts van\'Blokland lid van de Tweede
Kamer der Staten-Generaal en heeft daardoor bewezen, dat deze functie zeer
goed vereenigbaar was met de betrekking van Gezant der Republiek, geaccredi-
teerd bij Duitschland, Frankrijk, en Portugal.
Door hem werden aan Transvaal onwaardeerbare diensten bewezen.
Hij was het, die zorgde voor de zorgvuldige redactie der bewoording van\'de
Conventie der Republiek in \'88; hij was het die de handelsverdragen sloot
-ocr page 40-
36
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 18 9 0.
voor de Republiek met Italië, België en Zwitserland, en op het Congres voor
Internationaal postwezen in 1891 te Weenen gehouden, was het weder aan
zijn voortvarenden ijver te danken, dat de Z. A. R. werd opgenomen in het
internationaal postverkeer.
Als lid der Kamer heeft hij gestreden voor het aanknoopen van meer intieme
betrekkingen tusschen onze stamverwanten. Steeds was hij bereid om zijne
juridische en staatsrechtelijke adviezen ten dienste te stellen der Republiek.
Waar zulk \'n man ons, Nederlanders, voorgaat, daar kan het immers niet
anders, of eenparig stijgt van den Hollandschen bodem de bede omhoog: „Dat
het Transvaal moge welgaan, dat het moge bloeien in vrede en rust!"
et Taalfonds.
X
£
IV.
bevolking van de Zuid-Afrikaansche Republiek bestond oorspron-
kelijk uitsluitend uit, Boeren, die een 60 jaren geleden dezen staat
hebben gesticht. Later is zij aangevuld door Boeren uit de Kolonie
en uit den Oranje-Vrijstaat. De boeren waren mannen, gehard
door ontberingen en in den strijd tegen Kaffers en wilde dieren. Zij zijn tevens
mannen met een buitengemeen scherp waarnemingsvermogen, met een groote
mate van gezond verstand en van zelfvertrouwen, met een niet te onderdruk
ken liefde voor vrijheid en voor recht. Aan onderwijs kon uit denaard weinig
worden gedaan onder die bevolking, daar de huisgezinnen op minstens 5 mijlen
afstand van elkander woonden, en ook liet de behoefte aan onderwijs zich
weinig gelden in hunne eenvoudige levenswijze. Kon men slechts een weinig
lezen en had men voldoende Bijbelkennis om tot lidmaat hunner kerk aange-
nomen te worden, dan was men ruimschoots tevreden. Buitendien, vóór de
ontginning der goudvelden was er weinig geld in het land (aan geld bestond
er ook weinig behoefte) en was het dus al daardoor onmogelijk om het on-
derwijs aan bevoegde handen toe te vertrouwen. Waren die toestanden zoo ge-
bleven, a la bonne heure. Doch zij zijn zeer veranderd. Eene tweede bevolking
van vreemdelingen, „uitlandere", is binnengestroomd en heeft zich aan de
goudvelden vastgehaakt. Hoewel het gehalte dezer uitlanders in het algemeen
moreel zeer laag staat, hebben zij het onmiskenbare voordeel van veel meer
te weten dan de Boer. Op den duur zal dit verschil grooter worden, omdat de
verschillende vreemde naties al meer hunne betere elementen zullen uitzenden.
\'t Is noodzakelijk : — het onderwijs der jonge Transvalere moet verandering,
moet verbetering ondergaan en dan, zij moeten goed Nederlandsch leeren, opdat
ze zich behoorlijk kunnen uitdrukken, lezen en schrijven .... Over dat behoor-
lijk Nederlandsch wenschen wij even uit te wijden.
Het zal den lezer wel verwonderen, dat de pogingen, om onze hedendaagsche
Nederlandsche taal in Zuid-Afrika het veld te doen behouden, op veel minder
tegenstand gestooten zijn bij het En ge lach, dan bij het Afrikaanse h-
H o 1 1 a n d s c h. Ongetwijfeld hangt het grootste deel dier streken onmiddellijk
van de Britsche Kroon af, zijn daar civiele en militaire inrichting, wetgeving,
rechtspleging als anderszins, geheel op Britsche leest geschoeid en doen de tal-
rijke, daar gevestigde Britten natuurlijk, in den blinden trots op hun taal, al
het mogelijke, deze op het geminachte „Üutch" de overhand te verschaffen.
Onze illustratie stelt eene „taalbetooging voor te Bnrgliersdorp gehouden,
en geleid door den ijverigen leider der Hollandsche partij in de Kaapkolonie,
den heer Hofmeyr.
de trouwe handhaving onzer gemeenschappelijke moedertaal do Boeren afdoende
beschermen. Blijft het Hollandsch de taal van Parlement en rechtszaal, van
school en kerk, wordt het ook meer en meer de taal der ondernemingen van
nijverheid en handel, dan blijven de Boeren-republieken wat zij waren, Hol-
landsche Republieken. Kruger heeft het uitnemend begrepen; het standvastig
verzet zijner Regeering tegen elk gelijkstellen van Engelsch en Hollandsch
bewijst het.
Nu heeft onze Nederlandsch-Zuid-Afrikaansche Vereeniging sinds 1885 dit
programma naar de mate harer kracht gevolgd en veel gedaan wat alleen hier
in Nederland kan geschieden. Zij zond enkele geschikte Hollandsche onder-
wijzers uit en bevorderde de verhuizing van vele anderen. Zij gaf schoolboeken
uit voor het gebruik in Transvaalsche scholen, waar men vroeger alleen Engel-
Gaande na.tr de Taalbetooging.
sche boeken krijgen kon; zij bevorderde, o. a. door het uitloven van studiebeurzen,
de studie van Transvalere en andere Afrikaners hier te lande, helaas met maar
betrekkelijk succes, omdat de Regeering haar niet steunde. Zij bood aan alle
school- en dorpsbibliotheken de gelegenheid aan, Hollandsche boeken te verkrij-
gen voor matigen prijs en besteedde daarvoor duizenden guldens. Waar zij een
Hollandsch blad in zijn moeielijken strijd om het bestaan helpen of een ander
Hollandsch belang bevorderen kon, bleef zij nooit achterwege, als hare krach-
ten het vergunden.
Maar de steun, dien zij van de Nederlanders ontving, was nooit zeer
krachtig en is in de laatste jaren nog verminderd. Veel moest daarom achter-
wege blijven, wat op zich zelf zeer goed zou geweest zijn. Zoo bijv. de voor-
lichting der publieke opinie der Afrikaansche zaken, bepaaldelijk in Engeland,
waar de ongerijmdste vertellingen ten nadeele der Boeren als goede munt
worden opgenomen. Gaarne had het Bestuur een eigen orgaan gehad met een
staf van journalisten, die dit goede werk ondernamen, maar de kosten maak-
ten zoo iets tot een herschenschimmig plan.
Wij geven u in bedenking, een blij-
vende herinnering aan deze onvergete-
lijke dagen tot stand te brengen op
eene wijze, die ons in staat stelt onze
taak krachtiger dan vroeger te verrich-
ten. Wij willen een fonds stichten, dat
onder den naam van Taal fonds tot
behoud en bevordering van het Hol-
landsch, als volkstaal in de Boeren-
republieken van Zuid-Afrika, opgericht
Januari 1896, bestemd is, om in de
eerstvolgende jaren den strijd lichter te
maken, die door de volkstaal der Boe-
ren en hunne nationale eigenaardighe-
den tegen Britsche invloeden gevoerd
moet worden. Wij wenschen dit fonds
evenals ons „Studiefonds voor Zuid-
Afrikaansche studenten" met onze
Vereeniging in betrekking te brengen,
maar het niet op te nemen onder onze
gewone middelen.
Reeds hebben enkele vermogende land-
genooten het voorbeeld gegeven en een
groot bedrag bijeengebracht. Deze som
is zeker niet onbelangrijk, maar toch
op verre na niet, wat wij noodig hebben. Laat uwe ruime bijdragen dit Taai-
fonds weldra tot een stichting maken, waarmede wij iets doen kunnen. En
wanneer wij, als de zaken in Afrika tot een definitieve schikking gekomen zijn,
die, naar wij hopen, vrij wat gunstiger zal zijn voor Transvaal dan de vooraf-
gaande toestand, laat ons dan Paul Kruger met onzen hartelijken gelukwensch
het volgende mogen schrijven:
Taalbotooging te Burghersdorp.
Zooals men weet, is Burghersdorp het middenpunt van het bijna uitsluitend
Hollandsch district aldaar. Zulk eene betooging, waarbij niet zelden meer dan
3000 Boers tegenwoordig zijn, duurt gewoonlijk 2 a 8 dagen en wordt geopend
met een godsdienstoefening op het dalvormig marktplein.
Verder worden allerlei Hollandsche spelen beoefend en het geheel besloten
roet een feestmaaltijd en vuurwerk.
Hoe zwak deze pogingen (onder toezicht van het Engelsch bestuur) ook
waren, toch zijn ze onzen stamgenooten ten goede gekomen in hun moeielijken
strijd en als het ware de ploeg geweest door de akkers, waarin thans zal
worden gezaaid.
Laten wij thans Prof. Dr. Spruijt even aan het woord komen, om het „Taal-
fcnds" krachtig aan te bevelen:
„Tegen het dreigend gevaar, waaraan Transvaal steeds blootstaat, kan alleen
-ocr page 41-
DE TRANSVAALSCHE ONLUSTEN IN 1890.
•M
onze vurige bewondering voor uw geestkracht, en een instelling, die wij uit-
sluitend in den dienst van uwe nationale doeleinden zullen gebruiken."
Een verblijdend teeken is het groote succes, dat de Nederlandsche Zuid-
Afrikaansche Vereeniging gehad heeft. Het Bestuur blijft steeds giften in ont-
vangst nemen, zoodat er altijd gelegenheid zal blijven bestaan, mede te helpen
om het grootste verweermiddel der Transvalere, „hun eigen taal", te helpen
verbeteren en uitbreiden.
Een woord van hulde aan den Hoogleeraar, die zooveel toewijding betoonde
voor deze hoogst nuttige zaak, vinde dan ook weerklank in heel ons Vaderland !
Hooggeëerde Staatspresident, man naar hart en hoofd boven onzen lof ver-
heven, leider van een volk, dat de deugden blijkt te bezitten, die voor den mensen
de hoogste waarde hebben, -- zie, wij Nederlanders behooren tot een staat,
die niet sterk genoeg is om u te helpen op het veld der diplomatiek of van
den oorlog. Maar wij kunnen u bijstaan in uw strijd tegen Engeland\'s „geeste-
lijk zwaard", den opslorpenden invloed zijner krachtige nationaliteit, die zelfs
uw stoere natie op den duur dreigt te doordringen. Bij dien strijd kunnen wij
u zonder twijfel van dienst zijn. Welnu, wij brachten een fonds bijeen ten
bedrage van zooveel duizenden ponden, dat onder den naam van „Taalfonds
gesticht in Januari 1896", een klein teeken en blijvende herinnering is van
XV. Slot.
laten zij dan met evenveel trots van ons kunnen getuigen: „Wij zijn
afstammelingen van dat dappere Nederlandsche volk!"
Daarvoor moeten wij zorg dragen — want dat is de grootste eer van een
land - zijne onafhankelijkheid te handhaven. Tusschen het oorlogvoeren en
het ten strijde trekken, hier of daar ginds, bestaat een groot verschil.
Wanneer wij met onze kleine legermacht iets zouden willen uitrichten,
dan dienen wij geheel op de hoogte te zijn met de sterkte onzer defensieve
p den slag van Krugersdorp vervaardigde de heer D. S. van War-
melo, student te Utrecht, het volgende gedicht:
Dl CHARTERED COAfPANY „MUDDLE."
WiJ8Si: „Pas altijd ver een vrouwmens op."
Di Rooinek het weer pak gekrü
Van diselfde ou Vaalpense
Ons is zoo biy, Transvaal is vry!
Dat ning nou banja \') monso
Majuba was die laatste plek,
Waar ons hulle pak gegeo het;
Dit duur nou lang voor hul *) die vlek
Weer heelemaal uitgevee het.
Dit \'s banja snaaks dat hul di roer
Soo gauw weer geprobeer het,
Hul denk koinliliis ") dat di Boer
Dit skiit kuus afgeleer het.
Of doch *) hul dalkiis *) dat dan nou
Di skulpad kop wil intrek *),
Omdat hy kom soo stil bjj hou
By windmaak van een Rooinok?
Hul doch hul het ons is hul mach,
Maar nee, hul was die skulpad.
Oom Paul die het mis \') net gowoch
Tot hy »y kop kon aanvat.
Bij Krugersdorp daar vat ons kom
En sny hom toe syn kop af,
Dit \'s goed voor hom, nou is hy stom,
Sy kop is van sy dop \') af.
Een „blundor" het dit weer gewees,
Dit kom van annexatie,
Hul het een wond wat swaar genees,
Een skande ver di natii!
Ons het di Rooinek afgesny,
Tranvaalse ou Vaalpense
„Ons is soo biy, Transvaal is vry!
Dat sing nou banja mense.
\') banja = vele *) hul =zy *) komliliis, niet juist te vertalen, komt overeen met het Engelsche
„would-be" = ongeveer. *) doch = dacht \') dalkis = misschien *) Di skulpad kop wil intrek,
men weet dat President Eruger zeide : „dat men een schildpad eerst den kop kon afsn ij-
den, als het dier dien uitsteekt." \') mis = immers •) dop = schaal.
„Ons is zoo blij, Transvaal is vrij!" — die kreet kan weerklinken; de
Transvaalsche vierkleur kan weer wapperen; het volk kan zich er op beroemen
thans met meer fierheid dan ooit, een eigen onafhankelijk vaderland te bezitten.
Uit de onweerslucht van zoo straks is de belofte te verwachten voor een blijder
dag___Voortaan heeft Transvaal het machtige Duitsche keizerrijk geheel op
zijne zijde; het heeft eene aanleiding om wat uit het tractaat van 1884 aan
beperking van zijne onafhankelijkheid is overgebleven, met nadruk aan Engeland
ter schrapping voor te dragen; het kan van dit oogenblik af met de noodige
kalmte de eisenen der uitlanders aanhooren.
Eere den dapperen helden!
Hunne daden hebben ons bewondering afgedwongen, hebben ons met zekeren
hoogmoed doen uitroepen: „Het zijn onze afstammelingen."
Mocht het eens gebeuren — wat God verhoed — dat weldra, of in de
verre toekomst, de krijgstrom ook in ons land zou moeten worden geroerd,
krachten, met de krijgstucht, met de verschillendè~diensten, en met de com-
mando\'s. Daarom is het een eerste plicht, die rust op ons volk, dat de jonge-
lieden zich oefenen in den wapenhandel, om straks, als de nood het eischt,
even spoedig en met evenveel succes de wapenen aan te grijpen, als thans
de Transvalere gedaan hebben.
Wat een klein maar krachtig volk vermag, de „Transvaalsche onlusten in
1896" hebben het weder schitterend aangetoond — doe daar dan uw voordeel
mee, Neërland !...
FINIS.
111.....itiiuiit........iiiii.......niiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii........iiiiiiiiii.....1......mini......111111.........1.....minimin iiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiii..............1.............nmiiiimmimiiiimiiiiiimiiii.....1...........11111......11111............iiiiiiiiiiiihiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
I N H O TJ D.
Bladz.
INLEIDING...........
1
VIII.
VOORWOORD VAN JHR. MR. BEELAERTS VAN BLOKLAND,
GEZANT VAN
IX.
2
X.
I.
IETS UIT DE GE8CHIEDENIS DER BOEREN.....
.
3
XI.
IL
DE GESTELDHEID VAN HET LAND......
.
5
XII.
III.
HALABOCH-KRIJOSLIED........
7
XIII.
IV.
8
12
XIV.
V.
XV.
VI.
16
vn.
18
Bladz.
22
23
24
26
31
33
36
37
38-48
HET TRANSVAALSCH VOLKSLIED.........
AAN DEN VOORAVOND VAN EEN BELANGRIJK FEIT......
DE OPSTAND.............
DE SLAG BIJ KRUGERSDORP..........
HET NASPEL.............
HOE DE OVERWINNING BIJ KRUGERSDORP IN EUROPA BEGROET WERD. .
HET TAALKONDS............
SLOT..............
ADVERTENTIEN ....
-ocr page 42-
ADVERTENTIE N.
38
W. BERETTA & Co., Nijmegen,
Contractanten voor Nederland en de Koloniën
NAAML. VENNOOTSCHAP
Stoom-Pannenfabriek „ECHT,"
TB ECHT.
Directeur: LoDEWMK Welters, te Echt.
Grootste en oudste
Fabriek van de ücfotsche fêruispannen,
Vorst-, Nok- en Gevelpannen.
SIER-, GEVEV en PROPIEL8ÏBKNIN,
Bouw kunstig e Om amen ten.
Gouden Medaille Antwerpen 1894.
Diploma 2e klasse Arnhem 1879.
Zilveren Medaille Amsterdam 1883.
VAN DE
Crypto Works Co. Ltd., Londen.
In voonaad van bovenstaande fabriek het
nieuwe model safety zonder ketting „the Bantam",
als l8te klasse machine warm aanbevolen in het Engelsche Sportblad „Field", Aug. \'94.
Prijscouranten en beschrijving worden op aanvraag toegezonden.
FOLKERS & Co.,
29 RAPENBURG, AMSTERDAM,
in Bouwmaterialen.
Eng. Aarden Waterleiding-Buizen,
SehooïëteenpotteD, Draineerbuizen, Vuur-
vaste Steenen en Vuvrklei.
Merk „Star
Glenboig." Portland-Cement, Merk
„Knight llevan & S\'.urge" en Merk
„Dvekerliofl" & Stthne".
Da kleien, Asphali\'-Dakpa pier, Attptialt
Dakleder
(porton cuir) voor Imlië. Dak-
pannen,
Fransche, gegolfde, platte en
gewone en fabrikaat „Echt" Asphali-
Vloeren
van de „Neucbfttel Asphalte
Compy. F.td." Drüftttcnen e oor Binnen-
muren.
Schelp-, Steen-, Doorn, Kalk en
(iips. Tras van GkRHARD HBRPBLDT
te Andernaeh. Waal-, Vecht-, IJseU en
Frieschc Steenen. TROTTOIR TKGKXS,
gegroefd, vlak en gefigureerd. Parket-
vloeren
en Wandtegels in verschillende
dessins, voor dadelijke levering in Maga-
zijn alhier in voorraad. Toezending van
Teek e Dingen, XI o n s t e r fa o c-
k e n en M o n s t e r 8 op franco aan-
vraag.
SteenkalkblüssclieHj aan den Omval
te AMSTERDAM.
SchelpMbranderü
te HASSELT (Overijsel).
TON MOLENS.
By ondergeteekende voorhanden TONMOLENS, vervaardigd
van binnen geheel van eikenhout.
Ccnc-a.rreereade PrijzGn.
JAN DE GEUS Jz.,
GIESSENDAM.
R
IPOLIN
eene aangemaakte zeer glansrijke Verf.
64 verschillende kleuren.
Gedeponeerd Fabrieksmerk.
RIPOLIM
Soort BLT voor Binnen- en Buitenwerk, speciaal
vervaardigd niet liet oog- op de lioopre eisclien die
nan Buitenverf in tropisclie landen gesteld moe-
ten worden.
Bekroningen : Batavia 1893, Gouden Medaille,
Amsterdam 1895, EEREKRUIS (hoogste onderscheiding).
RIPOLIN-FABRIEK, Amsterdam.
EIJLINK & PIERON,
AMSTERDAM.
FA BR IK ANTEN VA N:
VERWARMING S-TOESTELLEN.
Gehcele Gebouwen en de grootste Lokalen worden hiermede gelijk-
matig met zuivere verhitte buitenlucht verwarmd, zeer aan te bevelen
uit Hygiënisch oogpunt. Zéér billijk in prijs en aanleg niet garantie.
Staffopdshire Warehouse.
Export naar Oost- en West-lndiö.
N. F. VAN GELDER & Co.,
vroeger MANTZ & Co.,
Prins Hendrikkade 25. (Haringimkkerij).
AMSTERDAM.
Magazijnen van:
Engelseh, Fransen, Duitse!) en Inlandsen Porselein en Aarde-
werk, Kristal en Bluswerk.
Voor goede verpakking wordt nauwkeurig zorg gedragen.
Het BESTE en BEKENDSTE ADRES voor
COMPLETEERINGEN van
Engelsche Tafel- en Ontbijtserviezen
en Waschstellen enz.
E. 2v£. COHEIT,
OLDENZAAL (Holland).
Stoom Jute- en Linnenweverij.
ALLE SOORTEN:
ZAKKEN en PAKLINNEN.
FABRIEK VAN:
MONSTERS VERKRIJGBAAR.
3=35J»-stee3a.-3rei"brLe3iE
VAN
S. VAN VELZEN,
te ALPHEN a/d BUN, over \'s Molenaarsbrug.
(voorheen G. L. PIEK).
Kloeke vorm - Puike kwaliteit.
CONCURREERENDE PR IJ ZEN.
H.
Sterrenbosch No. 9,
UTRECHT.
Centrale Verwarming
EX
Drooginrichtingen.
Levekixg vax
Me Pijpen en Stoomfcachels.
Billijke prijzen.
D. SPOOR,
te BODEGRAVEN (Holland).
FABRIKANT VAN
Teakhouten Kuipwerk
met ronde Kimmen,
VOOR ZUIYELBEREIDING.
KARNS
voor stoom-, paard- en baMMt,
Kaaskuipen en Ketels.
KAASVORMEN,
alle soorten, alle afmetingen.
BEKROOND:
Gouden Medaille, Bolswnrd 1889,
Ie Prijs, Woerden 1890,
Ie Prijs, Dordrecht 1890,
Voor panrdckracht de uitgeloofde PrQs,
te Dokkum 1891,
Ie Prijs, T.ciden 1892,
Ie Prijs, Alfen a/d. Rijn 1892,
Ie Prijs, te Nijmegen voor in den
kortsten tijil en (Ie meeste boter
te leveren, 1898,
Ie Prijs, te Gouda 1894,
Ie Prfls, te Bodegraven 1895,
2 eerste Prijzen, te Groot Ammers 1895,
8 eerste Prezen, te Arnhem 1896.
VERMAES,
Delft.
STOOMHOUTZAGERIJ.
Sigarenkisten en Kisten
van allerlei aard.
VAN OUDS GEVESTIGDE
Torenklok-, Koper- en Metaalgieterij.
Specialiteit: Soliedste, beste, nieuwste constructie.
Branflspuiten en Toreiiirwerta
A. H. L U. J. VAN BERGEN,
Fabrikanten,
HEILIGrERLEE, Prov. Groningen.
DIJKHUIS & Co.
te Bussum.
Warmoesstraat
LIKEÏÏRSTOKEES.
Handel in Wijnen,
Binnen- en Buitenlandsch Gedistilleerd.
M. P. POLLEN & ZOON,
Distillateurs en Likeurstokers.
EOTTEEDA ü&.
Kantoor : KIPSTRA AT 33.
In \'t Voorjaar                 en                 in \'t Najaar
STAM- EN STRÜ1KR0ZEN,
in de beste variëteit en kwaliteit.
Des Zomers
Rozen in pot en afgesneden Rozen,
levert voortdurend de Rozenkweekerij „DRENTHE",
Hoogeveen, D. KEUOHENIUS,
Bekroond Amsterdam 1895: Eerekruis en Verg. Zilveren Medaille.
Beschrijvende Catalogus gratis en franco.
-ocr page 43-
ADVERTENTIE N.
39
Vraagt de Fijne
PALMITINE ZEEP
„DE PHILANTEOOP"
Algemeene Verzekering Maatschappij
geoeatigd te BOLS WAMD.
I, C, MORTIEK & ZONEN,
ÖORINCHEM.
VAN
Gebrs. DOBBELMANN
TE NIJMEGEN.
F\'nTu-ieksmerk „HET ANKER".
Stoeds groote sorteering:
Kachels, Kaarden, Keukenfornuizen.
Waschwater- of Veevoederketels.
f eegwerttnigen, Braiidlcasteii, Mangels.
Bouwmaterialen.
Specialiteit Gewalst Asphaltdakpapier.
NETWERK, SCHROEFBOUTEN.
Keukengereedschappen, Nikkelwaren.
LIEFHEBBERIJ ZAAGAKTIKELEN. ENZ.
Maatschappelijk kapitaal ƒ310.000.—
Zij is de meest gezochte Nederland-
sche Toiletzeep, btyronder zucht voor do
huid en lijn geparfumeerd.
In ieder doosje bevindt zich een fijne
Chromolithographie.
Men waehte ach voor de talrijke namaaksela
en lette steeds op onzen nnani en gedeponeerd
fabrieksmerk „Het Anker".
Deze zeep stunt onder voortdurende controle
vim ile hcercn Dr. 1\'. F. van Hamki. Koos
en A. Harmkxs Wzn., te Amsterdam.
Ieder kooper lieeft recht om gratis een
monster zeep, mits in origineelen staat, iiim voor-
noemde bceren ter onderzoek te zenden.
VERZEKERT:
Afd. I. Wekelijksche uitkeeringen van f 10.— tot ƒ75.— bij
besmettelijke ziekten.
„ II. Uitkeeringen bij overlijden en gemengde verzekeringen.
„ III. Uitkeeringen bij invaliditeit en ongelukken, zoowel indivi-
dueel als collectief.
Op goede voorwaarden kunnen Agenten geplaatst worden.
Gebrs. LOMMEN,
TILBUBG.
Fabrikanten van <\'Immuun- en Zinkin-oenen,
Chroniaalgeel, [mitatie Vermiljoen en fljne Engelsohe
vernissen. Speciale inrichting vi»>r export-verven.
Vruiifri prijzen en monaten! !
H. VAN DEN BRIEL,
voorheen:
v. d. Briel & Verster.
Fabrikant van Linnen, Tafel-
goederen, enz.
E I N\' D H. O V E N.
VINKENBOS & DEWALD,
Photografen.
UITGEVERS der volgende Origineele Collecüën:
ie Coll. Mtxlernc (Xos Conteni|>orains).
2e Coll. Kijks Museum, Amsterdam.
3e Coll. Mauritshuis, \'s-Grovenhage.
PORTRETATELIER Ie BANG.
Systeem EGGENWEILER.
NA 1 MEI \'96 Conradkade 61,
">e huis van af Laan v. Mecrdervoort.
DEN HAAG.
Chemisch bereide Verf
en
^.LBJLSTIITB.
Chemisch bereide Verf
is geheel gereed voor het gebruik, duurzaam,
gemakkelijk en goedkoop. Wordt in alle
kleuren vervaardigd.
Albastine
in wit en kleuren, is eene uitmuntende en
goedkoope waterverf, voor muren, plafonds,
enz.
Staalkaarten enz. gratis verkrijgbaar bij de
Fabriek Kraaijenburg,
RIJSWIJK. (Z..IL)
Voorheen Gk J. HAMER Jr.
te Deventer.
<»®<$>®<»®<$>®<$>®<$><S><»®<$>®
Koninkl. Magazijnen van
D. S. KI. KALKER,
448042
mum. m i,
gevestigd te AMSTERDAM.
Hoofdagentschap te Pretoria.
.Agentschappen te
Johannesburg en Potchefstroom.
-*•-♦-•►-
Verkoopt, koopt en incasseert Wissels en
ander papier en geeft Credietbrieven af op
® PRETORIA, JOHANNESBURG, POTCHEF-
STROOM, DURBAN, CAPETOWN, PORT
ELIZABETH, KIMBERLEY, BLOEMFON-
TEIN, LOURENQO MARQUES en andere
voorname plaatsen in Zuid-Afrika. Belast zich
met telegraphische uitbetalingen en geeft
voorschot op verscheepte goederen.
»t»<^S)^®^®^®^®^®^®^®^®^®^®<^®^
BOl\'WARTIaELEN. liEliKKDSl\'HAPPH.
Eng. Stallnrichtingen voor Paarden
en Vee.
IJzer- en Koperwaren.
CENTRALE VERWARMING en VENTILATIE.
Tuigkamerhenoodigdheden
ENZ. ENZ.
HOLLANOSCHE MOTÜRENFABHIEK
te Edam,
Levert onder schriftelijke garantie
PETROLEUMGAS-MOTOREN
van 1 tot 30 pk. Bootsmotoren, diagonaal
direct werkende op de schroefas.
Aan de fabriek zh\'n motoren in werking
te zien, en Attesten ter inzage.
J. VAN OVBRKLIPT.
Utrechtsche Asphaltfabriek,
Firma STEIN & TAKKEN.
Herhaalde Bekroningen.
Prima ASPHALT-DAZPAPIEE,
Asphaltdaklak, Aspnaltinastix,
CARBOLINEUM, enz.
ALLE VOORKOMENDE ASPHALTWERKEN.
Echt Vulkaan-Houtcement en
Houtcementpapier.
Specialiteit: Echte Houtcement Dakbedekkingen.
met 10 jaar garantie.
Onovertrefbaar en brandvrij.
UTRECHT, Gansstraat 112-113.
Apeldoornsche Machin. Nettenfabriek,
YON ZEPPELIN & Co.,
APELDOORN\'.
HAEINGNETTEN VOOE DE NOOEDZEE,
Netten voor de Zuiderzee.
Garens voor de Visscherij.
BROCADES & STHEEMAN,
MIEPPEL, (Nederland).
Filiaal Hamburg-, KLohlhöfen.
Fabriek van Chemicaliën voor medisch en technisch gebruik.
„
          „ Pillen en Capsules.
„          „ Azijnessence en Vruchtensappen.
HANDEL IN DROGERIJEN.
J. H. KÜHN, Amsterdam, Export-Agent.
J. C. F. LAURILLARD, Ingenieur.
Fabrikant yan üard gebakken üzeraardeu Buizen
voor riolccring, afwatering, enz. enz.
Prima qnalitelt en mime keuie. — Tal Tan gunatlf*
attesten ter Image. — Prijzen sterk eonourreerend.
Specialiteit in SCHOORSTEENEN (met en
zonder ventilatie), en KAPPEN (ook voor
slecht trekkende sehoorsteenen).
Priyaattrecnters in diverse soorten en Terra-Cotta.
Alle orereenkomatige artikelen worden In den kortst
mogeiyken tijd volgons teekenlng vervaardigd.
J. VIS Cz., Kachelfabrikant
te Sommelsdfjk.
Leverde in NEDERLAND ruim zes honderd
Ventilatie-Schoolkachels,
waarvan aan de Gemeente Rotterdam meer dan
honderd stuks.
Men vrage teekenlngen en Inlichtingen.
Kod. M. Pyrotechnisclie WA,
Firma G. J. RÜIJSCH, Utrecht.
Specialiteit in
Kunstvuurwerken, Scheeps-Selnllchten,
SCHEEPSVUURPIJLEN.
Spoorknalsignalen, Fakkels enz.
Op aanvrage in hermetische verpakking.
C. TEURUNCX
Firma Gebrs. TEURLINCX
te OIRSCHOT.
Fabriek van Oirschotsche Stoelen,
Amerikaansch model.
Bijzonder geschikt voor C A F É\'S, TUINEN,
LOKALEN, enz. Teekeningcn met prijsopgave
gratis.
LOODWIT,
echt oud Hollandsen fabrikaat en gega-
randeerd chemisch zuiver
is steeds verkrijgbaar bij
G. PRINCE & ZONEN,
Loodwitfabrikanten te GOUDA.
-ocr page 44-
ADVERTENTIE N.
40
DE VRIES & Co., Amsterdam.
A Q E N T B N:
Stoomvaart-Maatschappij „NEDERLAND".
Veertiendaagrsohe dienst naar NEDERL. INDIË.
Union Steamship Company.
Wekeiyksclie dienst naar Z ü I D-A FHIKA. TRANSVAAL, enz.
WHITE STAR LINE.
Wekelijksche dienst tusschen LIVERPOOL en NEW-YORK.
8TOOMVAART-MAAT80HAPPIJ „ZEELAND".
Tweemaal daags tusschen VLISSINGEN en LONDON via QUEENBORO\'.
Bed Star I-iiri-e-
Veertiendaagsche dienst van AMSTERDAM naar 1\'HILADELPHIA via ANTWERPEN.
Assurantiebezorging en Expeditiën.
Stoomvaart-Maatschappü „Zeeland".
KONINKLIJKE NEDERLANDSCHE POSTVAART.
Beste, Snelste en Veiligste Route
VOOK PASSAGIERS EN GOEDEREN
ZADEN en PLANTEN.
uitvoerige Geïllustreerde
CATALOGUS
VAN
Groentezaden Bloemzaden. Landbouwraden, Aardbeziënplan-
ten,
diverse Groente- en Specerij planten.
Canna\'s. Begonia\'s. Lelies. Vaste Planten en Rotsplanten.
Vollegronds Varens. Waterplanten, Stam- on Struik-
rozen, Sierheesters, Vruchtstruiken,
en/.
is VERSCHENEN en op aanvraag GRATIS verkrijgbaar.
Zaaahandelaar, Bloemist en Bloemkweeker. Kweekerij „MOERHEIM",
DZDE 3*£ S V A A. R T.
DE BEER & LEHREN,
AM STEK DA M.
Italiaansch Marmer.
Groote voorraad PLATEN, PLINTEN, TEGELS.
Zwart Marmer van Dinant,
in Platen, Strooken, Tegels, Schoorsteenmantels, enz.
OOLGAARD\'S ZESood.e o" ~s*7"itte :F>ort-
"WÏjn., bekroond op de Tentoonstelling te Batavia met
Hoogste Oï3.d.erscl3.©id.in.gr. staat onder
voortdurende controle van liet Bureau voor Chemische
onderzoekingen van Dr. Van Hamel Roos & Harmens te
Amsterdam.
D. OOLGAARD & ZOON,
WIJNHANDELAREN, UADI IIÜ P F N
GEVESTIGD A". 1788. rlAllLIIHjLHi
NB. AFNEMERS dep gecontroleerde firma\'s hebben \'t recht
op kosteloos
onderzoek.
ÏTJ880HBN HET
ENGELA
VASTELA
VIA
VLISSINGEN—QUEENBORO\'—LONDON.
Sn.elT7-axerLd.e :E5ad.er-Stoorrj.sc:b.epen.
IN DIRECTE VERBINDING MET DE
C a s 11 e-L inie voor Kaapstad en de Transvaal.
Dagelijks TWEE afvaarten in beide richtingen.
Vertrek uit Vlissirgen...................H-50 \'s morgens,    11.30 \'s avonds.
Aankomst in London....................9-05 \'s avonds,       7.46 \'s morgens.
Vertrek uit London.....................8.25 \'s morgens,     8.25 \'s avonds.
Aankomst in Vlissingen..................5-15 \'s avonds,       4.35 \'s morgens.
G. ra\'t Huil,
Rijtuigfabrikant,
naast het Postkantoor,
ARNHEM.
é
»V
Nederl. Fototech. Bureau.
Magazijn van Fotogpafie-Artikelen.
C. &* P* JT/MNS
\'?
Levert luxe en
andere Rijtuigen
onder garantie.
N IJ M E G E N.
Toestellen en Benoodigdheden voor
Amateur-Fotograf ie.
Vraag- g\'e\'ïll. Prijscourant!
Op verschillende tentoon-
stellingen bekroond.
/
\\
Binnenplaats den fabriek.
J. B. VAN CATZ & ZOON, GOUDA (Holland.)
Fabrikanten van
Visseheps-, Zeil- en Bindgarens, Koorden en Touw.
Geweven, gevlochten en geslagen Paardeleidsels.
VERTEGENWOORDIGERS voor Nederland en Koloniën
der Meen. Netzfabrik und Weberei Act. Ges. Itzehoe, (Holstein.)
G-rösste Netzfabrik des Gontinents.
J. F. SEGERS & ZOON,
99*
Eerste Nederl. Algemeene Maatschappij van Verzekering
tegen geldelijk nadeel voortspruitende uit
ZIEKTEN EN ONSELUZKEN.
Gevestigd te Amsterdam, Keizersgracht 409.
Maatschappelijk Kapitaal / 250 000 .
COMMISSARISSEN: Mr. J. C. run llriol Sasse, J. A. Wormser en 0. B. Berends.
DIRECTEUREN : L. vnn der VUkIi en A. A. de Veer Ozn.
J. VELDHUIS H.J.zn.,
ALMELOO.
Fabrikant in Linnens, Tafelgoed, witte Katoenen
Goederen, enz., levert direct aan particulieren.
Stalen op aanvrage franco.
Agentessen gevraagd.
Fabrikanten in Hoeden, Militaire Hoofdtooisels, Kurken
Helmhoeden, Ornamenten en Passementerieën.
Specialiteit in UNIFORMPETTEN voor alle
ambtenaren.
i
-ocr page 45-
ADVERTENTIE N.
4!
RESTAUKANT 110YAL DEN HAAG.
R, W. H HOFSTEDE CRULL,
Electrotechnisch Bureau,
BORNE (O,).
Elecfrische Verlichting, enz.
Stoomfabriek „ANNA".
Vraag overal de Verduurzaamde Levensmiddelen van
W. ^?l. BLOKHUiÖ,
Voorzien van bovenstaand gedeponeerd Merk en Etiquet.
Bekroond Wereldtentoonatdlinf/^ PARIJS Ï889.
Gunstig beoordeeld in Geneesk. Conr. van 16 Febr. 1890. — Voorheen
gecontroleerd door wijlen Dr. S. Sr. COEONEL.
Sedert onderzocht en goedgekeurd door Frof. Dr. G. VAN OVEEBEEK DE MEIJER,
Eoogleeraar in de Gezondheidsleer aan \'s Rijks universiteit te utrecht.
Zijn in vele Modellen verkrijgbaar:
te Rotterdam bij J. J. HEI.TiNE, Groote Markt 13.
„ firma M. BAL.TON TIGCHELMAN,
Noordblaak 59.
„ Leiden           „ BEUZEMAKER & Co., Vischmarkt 13.
„ F W. KRÜGER Jr.t Nieuwe Rijn 35.
„ Schiedam „ GEBRs. BERTELS, Dam 9—24.
TE
Noordwjjk-Binnen (Holland).
S t e a. aso. T*T o r Ik s „.A. ÏT ST .A.".
Ask every whereforthepreserved provisionsnf W. A. BIOKHUIS,.V«W«jiï-W»«c« (HoU.)
St©SKa.fa,"briels octa-wa pesa-wat-asap „.A.3ÏTÏT.A.".
Bolch uiiiitii iiioniboli <li segenap Negeri segala roem makanan <li dakun kaleng dan lain-lain
tampat <lan bnlch tal>an lama dan lama bnleli di-simpan, maka <li perboewat iilch W. A.
BIiOKHTJIS, <li Xmrdwijk-liimirn (Holland).
Maatschappij van Onderlinge Levensverzekering.
Gevestigd te AMSTERDAM.
Opgericht in 1848.
Directie: l\\ LUDWIG en J. J. U\'ITTEVEEN.
Commissarissen: E. VOüTE, Joh. A. MATTHES
en Mr. H. POUW.
Du Maatschappij sluit Kapitaal- Renteverzekeringen, waarvoor tarieven en voor
waarden gratis verkrijgbaar zijn bij HH. Agenten, ofte haren Kantore, Heerengracht 228
Dit Nederlandsch fabrikaat is duurzamer dan
het Duitsche en blijft beter in de wasch.
Gros.                             Détail.
JTJAÏÏ CASAS,
BOTTEBDAM. — Noordblaak.
HANDEL IX
Spaansche Kurken, Portugeeseh
en Spaanseh Kurkbout.
Huisen te St. Feliu de Guixols (Catalonië),
Sevilla (Andalusië), Villanova de Portimaó
(Portugal), Xew-York.
Sepots te Berlijn, Breinen, Hamburg, Lon-
den, Lübeek, Maagdenburg, Mainz, Dortmund.
Telegram-Adres: CASAS-Rotterdam.
Je Yerzekering-Societeit „De Amster
te ÜMSTEP-DÜM,
verzekert tegen Brand : Huizen, Inboedels, Koopmans-
goederen en/., alles tegen Vaste Premie.
En tegen Transportgevaar: Kooi>mansgoederen en
Bagage in Zeil- en Stoomsohepen naar en van alle oorden der
wereld. Eventueele schaden ook betaalbaar ter destinatieplaatsen.
<&><s><a><s><&
&<s><&<a><s><s><a><s>
GAS-KOFFÏEBRANDERS
(model 1895).
Van >/wK.G.tot60KG. inhoud.
Deze veel verbeterde Koffiebranders
zijn in bet gebruik verreweg de beste.
Geïllustreerde Prijscourant franco.
Fabriek van MolMen, f
A K. F. HZNNEMAN, Y
>T MoloiiHtraat 7, Den Maag1. y5T
„DE DAMES- EN KINDERMODE"
met gratis bjjblad „VOOR ONZE DAME S".
TIJDSCHRIFT VOOR HANDWERKEN.
PiiJ» per Ir -w a r t a> a. 1 f 1.25.
E J. REESINK & C°„
Zutphen.
Amerikaansehe Vulkaehels en Haarden.
A. BIKKERS & ZOON,
ROTTERDAM.
Opgericht 178 3.
Stoom- en Handbrandspuiten.
0015
Wel N. S. A. BRAHTJES k Co.
PURMERENDE.
Fabriek van Delftseh Aardewerk.
0452
Goedkoop en solied adres
VOOP
Tapijten, Karpetten en Loopeps.
Patés de foies gras Strasbourg,
Marque LOUIS, qualité irréprochable,
essayer c\'est adopter.
Seul représentant pour la Hollande et les colonies C. J. J. ST RIJ BOSCH,
Comestibles en gros, \'s-Hertooenbosch.
Verkrijgbaar In alle fijne Comestibles-Magazijnen en H.H. Conflseurs en Cusiniers.
TE BENNEKOM (bij Ede).
LEVERT
Zwarte en gekleurde Drukinkten,
llollenspecie, Etiket-Lak. en».
6
G. VEEN Az.,
HILVERSUM.
-ocr page 46-
AD VERTEN TIEN.
42
HOUTAANKAP-MAATSCHAPPIJ WIJSMAN.
HANDEL IN
Java-Teak (Djatihout),
Gezaagd en ongezaagd in alle afmetingen.
Vertegenwoordiger W. MOORREES, Ingenieur.
Kantoor: Amsterdam, Thorbeckeplein 5.
H. 2v£ -^ ZfcT S,
Keizersgracht 56,                 AMSTBRHikBI.
LOOIERIJ en DRIJFRIEMENFABRIEK,
Specialiteit in
Naai-, Bind- en Slagriemen,
Extra zwaar POMPLEER,
Lederen Persbuizen, Brandemmers enz.
Om Sigaren droog te houden
betrekke men die van onze Fabriek in vochtvrije blikverpakking.
Groote sorteering in alle soorten en prijzen voorradig.
Sigarenfabriek „De Waalstroom."
GEBROEDERS RAMOUDT,
Doodewaard bij Nijmegen.
The Singer Manufacturing Company.
NAAIMACHINES
voor huishoudeliik en handwerkers-gebruik.
SPECIAAL-NAAIMACHINES
(ook met inrichting voor atoom-vermogen),
voor alle industriëele doeleinden.
Hotel Palais Royale
Paleisstraat 2, over den Dam,
AMSTERDAM.
40 Kamers en Salons. Badkamer volgens
tarief. Tafel van 4—7 uur. E. MKI.IKIl.
SMIT, BOTTENBERG & Co.
te Oud-Beierland.
Fahkikanten van alle voorkomende
Cement- en Kuustzandstee.nv. erken.
Handel in Kalk, Tras. Portland-Cement,
Gips. Pannen, Tegels, Stncadoor-riet,
Asphalttfaicpaplur enz.
Leveren franco Rotterdam of aan de
Fabriek. Lage prijzen. Men vrage
Prijscourant
A. RESINK & CO., Ingenieurs, DjOCJa.
j\\. HESINK, liaarlem.
Specialiteiten in Machinerieën voor riet- en
beetwortelsuikerfabrieken.
Benige Agenten voor den rerkoop in de Nederlandsche Koloniën van:
ANCHOR CEMENT.
Contractanten xnct liot G-euveraoraent.
Calcarium-Waterverf vi>or muren, houten en linnen wanden, plafond*
en iU.....mlirx.
Enamel (Emailverf) (         .. .                  . .              , .
Morses-Metaalverf I v\'K,r ",em b™ev«\'n* voor huisraad, meubelenenz.
Dubbelwerkende handzuig- en zuigperspompen tot 500 liters
oapacitelt per iiiiiitint voor irrigatie, hi droognouden van fundeerings-
pUtten «iiz.
Kunnen ook voor stoom- ol waterkracht worden geconstrueerd.
Op Java reeds meer dan 200 in gebruik Mj de Staats- en
Ï>articuliere Spoor- en Tramwegen; bij den Waterstaat en op
andelijke ondernemingen.
Spoor- in Trammaterieel. Leverenden «au de Staats- en parti-
culiere Spoor-ea Tramwegen in N.d -Imlié. >• Billiton-Maatschappij
en landelijke ondernemingen.
A. D. J. WALDECK,
N U E N E N.
Fabriek van Linnen, Pellen, Damast
en aanverwante Artikelen, speciaal ingericht tot
het leveren aan Particulieren.
Wed. C. VAN DROOGE,
DORDRECHT,
1» MET7B ELE HST.
Bekroond Amsterdam 1888.
TUINBOUWINRICHTING
VAN
J. C. DE LANGE,
ROTTERDAM.
Bekroond met:
De Groote Zllreren Medaille,
van II. M. de Koningin (Rozententoon-
stelling \'A\'llnije 1893.)
De Medailles
van Hf!. MM. de Koningin en de Koningin-
Regentes (Rotterdam 1894).
Vler-en-dertlg Gouden, Zllreren en Bron-
zen Medailles. (Rotterdam 1894.)
Tier Eerste en Twee Tweede PrQzen,
(Wereldtentoonstelling Antwerpen 1894),
en 133 Gouden, Zilveren en Bronzen
Medailles,
op vroegere Tentoonstellingen behaald.
Generaal-Kantoor voor Nederland:
AMSTERDAM, Kalverstraat 62.
Filiaal-Inrichtingen te ROTTERDAM, \'s-GRAVENHAGE,
UTRECHT, GRONINGEN, LEEUWARDEN, ARNHEM, HAARLEM,
LEIDEN, TILBURG en vele andere plaatsen.
Hendriks\' Lemon Squash
munt uit door haren aangenamen geur en frisschen
smaak, volkomen alcoholvrij, staat onder
voortdurende scheikundige controle.
Alleen verkrijgbaar bij
A. HENDRIKS,
Kortestraat 26, ARNHEM.
N.B. H.H. Ciif\'éhotulers en "Winkeliers speoiule pri.jxen.
yRUCHT- EN JSlERBOOMEN,
Kamerplanten, Potbloemen,
BLOEMBOLLEN.
B0UQUETTEN, KRANSEN,
Versieringen,
Fantaisie-Artikelen.
Aanleg van Parken en Tuinen.
Telephoonnummer 905.
Restaurant
„voorheen VAN DER PIJL",
Plaats 18,
\'S-G RAVENHAGE.
Dejeuners, Diners en Soupers
ö. prix fuves.
Selegenh. v. Salons partic.
J. ANJEMA, Directeur.
Maatschappij
ter vervaardiging van
Gasmeters enz,
DORDRECHT.
Toestellen voor
GasfaDrieken,Watermeters
en Electriciteitsmeters.
E. VAN OE STADT&ZOQNEN,
Houthandel,
ZAANDAM.
Vuren-, Grenen- en Den-
nenhout, Eiken Wagenschot
en Kloshout, Beukenhout,
enz. enz.
H.H. Wederverkoopers.
«9
Kent j^ij al
VAN TRIGT\'s BESCHUIT,
IN BUSSEN P
Zoo niet, probeert die dan eens. Die is van de zuiverste
grondstoffen vervaardigd.
Onovertrefbaar van smaak, fijnheid en qualiteit
WEDERVERKOOPERS gevraagd tegen flink rabat.
C YAN TRIGT,
\'h Gravenxnnde,
ïï. A. SPRUIJT i Co.
Stoom-Pannen- en Tegelfabriek,
T I E L,
bevelen zich minzaamst aan.
S. FRANKEN Jr.F
ARNHEM.
FABRIKANT VAN
Gegoten Koperwerken,
voor Water- en Bierpompen, en», en*.
Delft.
LOOIER en FABRIKANT
VAN
Drijfriemen,
Sigarenkisten en Kistjes
van allerlei aard en verpakking in Ceder- en Elzenhout.
Nadere conditiën bij de firma STUURMAN, VAN DER
VELDEN & SCHARFF.
MT Stoomhoutzagerij "VI
Sig\'aren kisten fabriek
„CUBA",
Nieuwer-Amstel bij AMSTERDAM.
K- XX2ZE3, .Amsterdam,
Spuistraat 102.
DRAAIBANKEN, SCHAAFBANKEN,
B o oma a<c3nin.e©, Spirsisirborezi.
LINT-
en CIRKELZAAGBANKEN.
#
-ocr page 47-
ADVERTENTIE N.
43
L)
Jaarlijksche Productie 30 Millioen Kilogrammen.
Vestigen de aandacht op hunne hoogfijne kwaliteiten JVIflRGflRIflE.
Overal met de hoogste onderscheidingen bekroond.
Specialiteiten, voor Export aa.a,a,r Overzeesclie O-e-westen.
Van BijstervBW\'s Advocaatlitenr,
wettig gedeponeerd merk,
onder voortdurende Chemische Controle,
Koopt slecht» aolied bekende waar -
Zoo niet! cU kluft reedt binnen \'t jaar,
En ook uw trooat wordt: „huil dan maar".
1896
is het 7de jaar dat wij de firma T O W N E N D
BROTHERS LTD. te Coventry
Op alle Tentoonstellingen
bekroond met de hoogste Onderscheidingen.
A. VA1T HJSTERVELD,
LIKEURSTOKER,
AMSTERDAM.
Bekroond op de Wereldtentoonstelling te Antwerpen 1894.
GOUDEN MEDAILLE.
Goedkoope Machinen. - Kindemjwielen,
P. LEEUWENBERG & Cl,
DELFT.
Onvervalschte Natuurboter.
JURMAAN RÏJKX, Kampen.
Export naar Oost- en West-Indië en Zuid--A.frika.
Verpakking in Blik en Dubbelfust.
Prima kwaliteit. — Billijke prijzen.
WIJNAND WOLFF & Co.
Commissionnairs in Effecten
Kortegracüt A 368. Amersfoort.
Knopen en verkropen Effecten,
Coupons, buitenlandsch Bank-
papier en Muntspeciën M den
meest vooideeligen koers.
sluiten Prolongatiën en Bel e e
ningen, Disconteeren en ver-
schuilen wissels op nllr bank plaatsen,
zoowel Binnen- als Buitenland, enz. enz.
Het Kantoor is geopend van 9 —3 uur.
Telephoonnummer 10.
H. L 2ALME & ZQNEN.
\'s-GRAVENHAGE.
FABRIEK van geornamenteerd
Spiegel- en Vensterglas,
bewerkt niet de Zandblaas.
STOOMGLASSLIJPERIJ
GLASVERZILVERING.
GLASETSERIJ.
Specialiteit in Naamplaten
van WIT en ZWART Marmerglas,
met ingeslepen letters.
FIJNE BEWERKING.
Spoedige levering.
T. den Breejen van den Bout,
NIJMEGEN.
Levert tot coneurreerende pryzen
Grind, Ballast en Steenkolen.
Proefstation voor Bouwmaterialen.
KONING & BIENFAIT.
Prins Hendrikkade 14,
AMSTERDAM.
NEDERLAIvDSCHE
Mozaik- Tegel- eii Cement-teenfalirieï
BROUWER & Co.
voorheen BOS & BROUWER,
Al/en ajd liljn.
GROOTE VOORRAAD VAN
Regen-, Wel-, Beerputten,
ook systeem Monier
BB
Geperste Cementtegels.
en verder alle voorkomende werken in
Cement of Kunstzandsteen.
Gipsdelen in verschillende Maten.
GROOTHANDEL in MKTSI-XHOUW.
MATERIAUCN.
Prijscouranten en teekeningen -.vortien op
franto aauvrngr toegezonden.
Export MARGARINE. Export.
KINHEIM\'s MARGARINE, uitstekend geschikt voor
Export, zuiver en zoet van smaak, heeft een heerlijk aroma
en evenaart fijne Natuurboter.
H.H. Exporteurs vragen prijzen en inlichtingen
van de fabrikanten:
J. fl. VAN DEN BOSCH & ZONEN,
ALKMAAR (Holland).
MT Solide vertegenwoordigers in Indië en Transvaal gevraagd.
STOOM-MÜTOTEGELFABRIEK
Sybrand Tjallingi i,
J. W. MOLIJN,
Gouda,
FABRIKANT VAN
Rietplanken,
Isoleersteenen,
Fluaten.
l/raag Prospectus, Prijzen enz.
Stoomfabriek „DE VOORZORG,"
B15 IE 32 -A».
Verduurzaamde Levensmiddelen
voor exportatie en proviandeering van Zeesohepen,
Leger en Vloot,
AlKinetlo voor Hiun*>nlanclrtch gebruik.
Gouden Medaille Antwerpen 1885.
HA KLINGEN.
Levert Poroeleinwitte Muurtegeltjes 13 x 13 cM".,
15 x 15 cM8., achtkante Tegels met Inlegstukjes in diverse
kleuren en vele soorten geschilderde Tegels.
Sterk coneurreerende prijzen.
*
-ocr page 48-
AD.VERTENTIËN.
44
IFIGEE & DE KRUIJFF, ~
            N. Z. Voorburgwal 28 & 30, AMSTERDAM.
NAAML. VENNOOTSCHAP
KONINKLIJKE STIJFSELFABRIEK.
Voorheen F. HEUMANN & Co.,
Bureau S7 rue de la Vigne, ANTWERPEN,
RIJSTSTIJFSEL in pakken van 2 tot 2 Kg.
Werktuigen, Gereedschappen, Pompen enz.
Telegram-Adres:
FIGEE-AMSTERDAM.
Vertegenwoordiger voor Ned. Oost-Indië:
K. HOVENS GREVE te Tegal.
4
Luxe Doozen vnn verschillend gewicht.
STIJFSEL in Kristallen en groote stukken, in Kisten.
POEDER en GEGRANULEERDE STIJFSEL.
MEDAILLES Parijs 1867. Amsterdam 1860. Parijs 1878.
Arnhem 1879. Montreal 1881. Amsterdam 1883.
Antwerpen 1885. Antwerpen 1894. Amsterdam 1895.
Kon. M. Fat-riek van Merverken, Cliocolafle en Likeuren.
Vroeger DE BONT & LEIJTEN, opgericht in 1843 te AMSTERDAM.
Singel 169-171-173-175.
----------------------------------------------------------«=*!•■*»----------------------------------------------------------
BEKROOND op de Internationale Tentoonstellingen te tonden, Parijs, Weeiwn, Philadelphia, ZlI.VEREN
Medaille te Parijs in 1878; — Gouden Medaille te Amsterdam in 1883; — Eere-Diploma voor Chocolade,
Ekre-Dipi.oma voor Likeuren en Zilveren Medaille voor Marasquin op de Internationale Tentoon-
stelling te Londen in 1884; — Eere-Diploma der Academie Nationale te Parijs, luidende: „Pour vos excellent»
Chocolat»* en twee Gouoen
Mkdaili.es op de Exposition rnivcrselle Pari/\'s 1889, C\'lasse 72 Sect. II, Chocolat
Confiserie en Sect. III, L iqneurs.
L\'UHBAINE
5
Fransche Maatschappij van Levensverzekering,
Gevestigd te PABUS, Rue Ie Feletier 8.
Directeur: de Heer VICTOR fflSSY.
Ultimo December 1803 bedroeg:
het VERZEKERDE BEDRAG 3SO 2v£illioeil.
het WAARBORG-KAPITAAL 3O ^Eillioeil-
Aanvragen ter vertegenwoordiging te richten tot den Inspecteur:
P. L. LASEUR. Damrak 93, Amsterdam.
-ï|) EERE-DIPLOMA, Tentoonstelling Batavia 1898.
Export naar alle tleelen der wereld.
Alle Exportflesschen, Cacaopoedcrbuaaen, Chocolado enz., zijn van het door ons te Amsterdam, Batavia en
Londen gedeponeerd en geregistreerd fabrieksmerk voorzien.
Groninger Tabak
n it de bekende Fabriek
„Het Wapen van Drente/\'
F. LIEFTINCK,
TK
Groningen.
Prijscouranten en nadere
inlichtingen zijn op aanvraag
te bekomen.
G. ALBERTS Lil & Co.
Il out h o mli-liiurs
te MIDDELBURG (Holland).
CACAO
„GROOTES"
Onovertroffen KWALITEIT.
Alom verkrijgbaar in bus-
sen van V\', \'/« en \'/• Kg.
Fabriek te Westzaan.
Opgericht 1825.
Handel in
EIKEN en AMERIKAANSCHE GRENEN
DWARSLIGGERS VOOR
SPOORWEGEN
EN
DEMERARA GREENHEART.
Nederlandsche Stoombranderij en Distilleerder!].
voorheen onder de firma E. KIDERLEN.
Delfsliaven-Eotterda z*i.
NSBADX                                      GEVESTIGD IN 1860.
Gouden Medailles op alle Tentoonstellingen.
Spiritus, Jenever, Cognac en Rum.
PRIMA
Bourbon-Vanille.
Busjes van 12 Stokjes franco tegen toezending van Post-
wissel a f 1.15.
D. EI GE MAN,
Iloflrrernnrier run II. )[. ile Koningin\'
H©egrstr&a.t 2e — DEN" H-A-A^O-.
WOUD & SCHAAP,
Krommenie.
Fabrikanten van Blikemballage.
G. J. WISPELWEIJ & Co.,
ZWOLLE.
IJ z e r g i e t e r ij.
Machinefabriek en Ketelmakerij,
Galvanische faWet voor raiütóa
C- 3D- HÜEHSEU,
HE EREN VEEN.
Stoom-Metaalslijpepij.
\'S-
»
5)
Pensions te \'s-Gravenhage:
„0UD-CLINGENDAAL"
PALEISSTRAAT 1.
Javastraat 26, Zeestraat 67, Paleisstraat 1, Sophialaan 2.
Buitenverblijf „OUD-CLINGENDAAL".
Aan den Leidschen Straatweg1. — W assenaar.
Huizen van den eersten rang, uitmuntende door ruimen
bouw en fraaie ligging, op de schoonste punten der
Residentie. GEMEl\'BILEERDE APPARTEMENTEN
met of zonder pension. Zeer elegant ingerichte Salons.
Zit- en Slaapkamers. Badkamers. Serres, Tele-
phoon. Gematigde prijzen, korting voor kinderen, kameniers
en dienstboden. EIEREN. BOTER en MELK van
eigen Vee, GROENTEN en FRUIT uit Eigen
Kweekery.
Nadere inlichtingen op fr. aanvragen te bekomen aan de
verschillende Pensions en aan het Bureau der Maatschappij.
Sophialaan X te \'s-Oratenhaoe,
SOPHIALAAN 2.
JAVASTRAAT 26.
N. BRENKMAN & Co.,
Motterdam.
Eenige Agenten en Exporteurs vnn
het sterk kool/.uurhoudend Nassau
Obcrselterser, Snellesprong, Apolli-
naris en andere Tafelwateren, Emser-,
Vichy , Carlsbader-, Wildunger , Hun
yadl lanos, Franz Joseph en andere
Medicinale
BRONWATEREN.
VAN AEKEL & Co.,
Verzekeringbank
„2)e Kederlanden",
Maatschappij van Levens-
verzekering,
gevestigd te ROTTERDAM.
3202
MEUBELEN - FABRIEK
H. P. MUTTERS & ZOON,
\'s-Gravenhage.
Meubelfabrikanten, Behangers
en Stoffeerders.
UTRECHT.
Steen-, Pannen- en Vnupvaste-Steenfabpikanten.
-ocr page 49-
4:»
A D V E R T E X T I E X.
005300230253484853535302532348539148485323534853234823485353235348534801535353535353
W. HELLING & Co.,
Sigarenfabrikanten, ALKMAAR,
Fabriceeren 6ezoDdheids-Sfgaren 20,25 en 30 Gulden per Mille.
MAISON-DROUOT,
Lange Houtstraat 7,
DEN HAAG.
C. H. WESSER Ir.
2e-hands Meubelen.
ANTIQUITEITEN.
Kunstvoorwerpen.
Japansche en
Cbineesche Artikelen.
V. SCHERTZER & Zoonen,
Hofleveranciers.
Bloemisten en Zaadhandelaars,
H Ji. J± R Ij E Tsl.
PRIJSCOURANTEN worden op aanvraag gratis toegezonden.
Deze Sigaren zjjn voorzien van een Mondstuk, waarin
Geprepareerde Watten, waardoor de rook gezuiverd, de stof
opgovangen en de Geur der Sigaren niet verminderd wordt.
485302010148230102000048530102014823532391892353535348234801235323482353535348535323
Stoomfabriek van Uurwerken
voor TORENS, KERKEN, STATIONS
en FABRIEKEN,
S- E XT SB OTJTS
te ASTEN (N. -Brabant).
HOOGSTE ONDERSCHEIDING
Wereldtentoonstelling Antwerpen 1804.
Prijscourant en Te eken ing franco op aanvrage.
Hofleverancier,
LjEIDE isr.
J. BE KUYSER & 20NEÏT,
DELFT.
Leveusverzeïerinff-Maatscliappü
„PIËTAS",
gevestigd te UTRECHT.
Goedgekeurd bij loninklijk Bisluit Tin
81 September 1862. No. 11.
Directeur: A. J. SNOEKC
De Maatschappij sluit alle verzeke-
riniri\'ii op het menscliclijk leven, welke
uit statistieke gegevens te berekenen
zijn, «Is:
Verzekering by overlQdou,
Verzekering by overleving <>f over-
IQilen.
Verzekering liQ overladen, met be-
perkte premiebetaling
Verzekering Ȇ leveu, op rooraf
bepaalilen datum.
l\'ltzet-verzekeringen (met opbuuden
van premielietnlinir by vóór-overHJden
van den ver/.nrgerl.
Diuli\'iyk inruimde LQfreuten.
l\'itgestelilt; l.yi\'rciiteii.
Iladeiyic ingaande l.yfrenten op twee
lérens.
VYoduueu-piMisloeiien.
Studle-lieurxeii, enz. enz.
nr Ce verzekerden deelen in ie winst.
Boter- en Kaashandel.
Exportatie naar Oost- en Weet-Indiê.
Bekroningen voor heen- en wederzendingen: Internationale
Tentoonstelling London 1880.Certificate of Merit. Amsterdam 1883,
Gouden Medaille.
B. H. EGBEBT8 & Co..
DALFSEN.
07ERIJSELSCHE ST00M-GICH0REIFABBIEK,
CICHOREI.
Eerediploma: Londen 1862.
Bekroond : Arnhem 1863, Weenen 1873, Veendam 1873, Melbourne
1888, Amsterdam 1887, Antwerpen 1894, Amsterdam 1895.
Vraag NlCOLA\'s Zoute Bollen
EN
Haagsche Tafel beschuit.
Bekroond met Gouden Medaille Brussel 1886.
Verkrijgbaar bij de voornaamste winkeliers in Comestibles en Koloninle Waren.
Koortswerend en Maagversterkend
AROMATIEK K1NABITTER
van CORN. RADEMAKER,
OULBNBTJRG.
2ö Cent per Fleschje.
J, F, KRÖNER & ZONEN,
Hofleveranciers.
AMSTBRDAMSCHE
Jaloezieën Fabriek,
SPECIAAL ADRES VOOB
Rolluiken, Zonachermen,
Marquisen, Tochtschermen,
Serrebedekking.
BIETEN LANCASTEB
KN
üescbildcrde WMelgordijiieii, enz.
AMSTERDAM. St. Luciensteeg 4.
Flesschenfabriek „DELFT",
TK
DELFT.
Wijn-, Bier-, Cognac-,
JENEVER-, INMAAK-,
Drops-, Kogelflesschen,
enz. enz.
In 300 verschillende soorten en
in diverse kleuren.
Vraag geïllustrecrden Catalogus
Mei 1894.
Veldman & Van Dongen,
AMSTERDAM,
NIEUWER AMSTEL en
HILVERSUM.
Fou ra gehand el.
Rijks- en Goovernementsleveranciers.
Leverancier» van hel
Koninklijk Nederlandsch Circus
OSCAR CARRÉ.
SMITS\' KNOLBEGONIA\'S
werden in binnen- en buitenland steeds met eerste prijzen
bekroond.
Eene collectie kleine en groote Knollen, in alle kleuren gese-
pareerd, te leveren, is nog in voorraad. Vraagt prijscourant.
JAC. SMITS,
Hofleverancier,
NAARDEN.
M. SAVRY & ZOON,
HAARLEM. (Holland).
Vernis- en Standolie-Fabrikanten.
ZEIST.
Fabriek van Terra-Cotta,
BOUWORNEMENTE N.
Vazen eaa T-u±n.slera,d.ezi.
Anth. AARTS,
LEERLOOIERIJ. - ID O 3ST 3- IE 2ïT.
LEVERT
uitgesneden geheele Onderwerken van Heeren-,
Dames- en Kinderschoeisel.
Volgens de *p*ciale modellen tan eiken Schoenfabrikant.
HOUBEN & STEEGH,
Stoom-Dakpannenfabrieken
te TEGELEN en BELFELD
bij VBNLOO.
Specialiteit in
PLATTE PAN
HILVBRSUMSOHB
IJzergieterij en Machinefabriek,
ENSINK & Co.
Grofsmederij. Bruggen en Kapconstructies. Gietwerken voor
het Bouwvak. Installaties voor Fabrieken.
Varinastabak,
zooals men die in vroegere jaren rookte, wordt weder geleverd
door de Firma G-. HENDRIKS te Kampen. Na zending
van postwissel h f 1.— ontvangt men l/a Kilo franco, fijn of grof.
Nabestelling zal volgen.
JACHTGEWEREN in alle modellen.
Revolvers, Jachtmessen, Patroontasschen enz.
JACHTHULZEN, koperen en kartonnen, in nlle kwaliteiten
en kalibers. PROPPEN, SLAGHOEDJES en alle
verden TOEBEHOOR.
Alles aan uiterst billijke prijzen.
EDOUAKD DE BEAUMONT,
GEWEERFABRIKANT.
Fabrieken te Maastricht en te Luik.
Geïllustreerde Prijscourant op aanvraag\' gratis.
Het is verrassend,
met welke gemakkelykheid
en vlugheid ieder in staat
is, met het
Echte Chemische
Roode Wrijfwas
een bijzonder fijnen en duur-
zamen glans op de meubelen
te krjjgen.
Let op Fabrieksmerk.
In Flacons en Doosjes alom yerfcritëbaar,
HANDEL IN
HOOI en STROO,
zoowel los als geperst.
Haver, Boonen, Meel, Lijnkoeken
en verdere Voeding- en
M e ■ t i n g-A rtikelen.
Goedkoopste adres
voor het
leveren Tan fonrages voor Luxepaarden
per P A A R D en per D A G.
Sluiten Contracten vooreen geheel janr,
voor alle plaatsen in ons land, zoowel
voor binnen als bulten AMSTERDAM,
zelfde prijzen.
Concurreerende Fryzen.
AVettijc Gedeponeerd.
Leveringen onder Garantie.
a^OaTSTBüS F E A. 1T C O.
Aanvragen en gros:
| LOUIS WIJNBERG, Pabr. Groningen.
-ocr page 50-
46
ADVERTENTIE N.
EVERTS en VAN DER WEYDE
K X L M O 2T S.
TEN HOUTEN & Co.,
IJ M UI D E N.
Fabriek van Moer-, Houtschroef-, Haak- en Hakkelbouten, Tirefonds Lascheinden,
Moeren, Sluitingen, Draadnagels, enz. enz.
A 11e soorten
MT Versche Zeevisch,
naai\' het Seizoen.
Verzending aan Hoteliers, Restaurateurs en Particulieren.
UT De Viseh wordt levend in voorraad gehouden.
S.G0KKES&Z00N,
DOETINCHEM (Holland).
I. BLOK & ZONEN,
IWanufactur/e d\'Horlogerie.
\'£n tous genres et pour tous pays.
Monopoliefabriek van het zoo gunstig bekende
GOKKES ELIXER
en verduurzaamde ADVOCAAT.
Tevens fabriek van
FIJNE HOLLANDSCHE LIKEUREN.
N IJ M EG E N.
(Holland).
A N V E R S.
(België).
HENRIJULLIEN.
Horloges, Pendules,
Muziekdoozen.
Speciale soorten voor tropi-
sche gewesten.
EN GROS.
               EN DÉTAIL.
Hok in \'>s en Gajtet\'nteeg 2,
AMSTERDAM.
Opgericht 1843
025348908923232323480253535353484823534853482348
VELTMAN & Co,
Mêï Nederl. Gestikte DeKeji-
Margarinefabriek „Holland",
HELMOND (N.-B.)
Margarineboter en Mixtures.
Kantoor J±msterdam, Sing-el 1T0.
Zoowel voor Export als voor Europeesche consumtie.
10, Kopte Prinsengraent,
AMSTERDAM,
llllllllllllllllllllllllllllllllllllllllll.......Ml.....|.....IIIIIIIIIIMMIIIIIII
CHAMPAGNE,
GAUTHIER FILS, te Ay-Champagne.
Generaal-Agent voor Nederland :
LÉONCE SEREUYS, Dordrecht.
T>K GOUDSCHE
Machinale Garenspiunerij
TE GOUDA.
SCHOEN-, ZEIL-, WEEF-, KAM-
en VISSCHERSGAREN.
J3ind- en Paktouw, enz.
VAN RENNES
Peiroleummotoren.
MacüinefaW „DRAKENBURGH."
D. W. VAN RENNES,
UTRECHT.
J. M. SCHAAF,
Botersloot 171,            Klaversteeg 9,
ROTTER DAM.
Spiegel-Vensterglas en Glazen Stolpen.
Glasverzekering „De Voorzorq".
ZANDSTEEN, HARDSTEEN,
Zweedsch Graniet, Keien, Kalk,
Cewmiquc & Namenschc VLOERTEGELS.
PIERRE JANSSEN.
ANTWERPEN. ROERMOND.
Alles rechtstreeks van de Carrières.
K L O O 8
BEKROONDE
Veiligheids Petroleuin-Lampen
voor Huishoudelijk getruik, Kantoor,
Werkplaats en Fabriek.
Deze l.;iin|irM kunnen bij het om- of afvallen
nimmer Brand of Brandwonden veroorzaken.
F. J. K100S, Zeevaartlcnndig Iiistrnmentmaker.
Scheepskompasscn. Boordseinlantaarns voorde
binnenvaart met Goud bekroond, alsmede
Top- en Ankcrlantaarns. Voor de Zeevaart
Boord-Seinl&ntaarns, Mast- en Ankerlantaarns
met Rijks Certificaat, Kajuit-, Hut- en Ma-
chinekamer-Lampen.
F. J. KLüOS. Fabrikant.
Leviveliaven, ROTTKRDAM.
A. A. KNUIJVER,
Gedempte Raam 9 & 11, \'s-Gravenhage.
Nederlandsche fabriek van Gouden en
Zilveren Militaire. Civiele en Maco-
nieke Ornamenten. Vaandels,
Banieren en Decoratiën.
MAGAZIJN\' v,m WAPENS, KNOOPEN enz.
Restauratie van Oude (iobelins.
Verzendingen naar Oost- en West-Indië.
INGENHOES BUITENWEG & Co.
Koninklijke Ned. Rijtuigfabriek.
BILT.
Rijtuigen in alle genres, van bizondere en solide constructie.
Agent:
M. TOROHIANA, Pretoria.
Jav..schc Boseh-Exploitatie Ml
Voorheen P. BUWALDA & Co.
Levering van Djattibout Java-Teak
zoowel in Balken en Platen als op maat,
gezaagd tegen uiterst lage prijzen.
De Directie,
KANTOOR: Doelenstraat 12/14.
STOOHZAGERIJ: Overzij van het IJ,
Westelijk van liet Tolhuis,
AMSTERDAM.
JAN ENGELS,
DORDRECHT.
Distillateur van fijne Likeuren.
Handel in Binnen- en Buitenlandsch
Gedistilleerd en Wijnen. Beveelt bijzonder
aan zijne nieuwe Likeuren:
JAN ENGELS Ladiesaperitive en
Wilhelmina-Likeur.
VAN WIJK & Co.,
R
�641
ottffüi - Berlijn.
Vernisfabrikanten.
E. N O A C K,
Noordblaak 9,
ROTTERDAM.
Stoomfabriek van fijne Vleeschwaren en
Conserven.
(GOTHAER, BRUNSWIJKER en GELDERSCHE VLEESCHWAREN.)
P. DELOSIE, Rotterdam.
Horloges, Pendules, Klokken.
Begulatenrs-Fournitnren
en Gereedschappen in \'t groot.
Eenig leverancier der Régulateur Uurwerken
ten behoeve der Staataapoor in \'s Rijks Over-
zeesche Bezittingen.
A. HAAK & ZONEN,
AMSTERDAM.
Stoom-Wagen m aker ij en Smederij.
Gevestigd sedert 1843.
FABRIEK VAN ALLE SOOHXEN
twee- en vierwielige voertuigen en
rollend materieel.
Luxe-Rijtuigfabpiek
BUITENWEG & C°,
Velperweg, Arnhem.
Chemische Fabriek „Rotterdam",
ROTTERDAM.
Fabriek 7an Glycerine voor technisch
en phaimaceutisch gebruik.
Specialiteit van
DYNAMIET-GLYCERINE.
Crediet-Vereeniging
te AMSTERDaM, Ketiersgraclit 277, Telefoonnummer 42.
Directie:
A. H. Büchler, Mr. P. A. Tkxckixck en
Jhr. Mr. E. W. Bero.
Agentschappen te Rotterdam, \'s-Oraven-
hage, Utrecht, Leeuwarden, Groningen, Zwolle,
Alkmaar, Tilburg, Dordrecht en Middelburg.
Deze Vennootschap verleent Credieten
tegen eenc rente in verhouding tot het wissel-
diwonto der Nederlandsche Bank.
Zij belast zich met incasseering. uitbe-
taling enz. voor een ieder, die van hare
tusschenkomst wcnseht gebruik te maken, en
ontvangt geld en geldswaarden a deposito
tegen ceno rente, ah in de dagbladen aange-
kondigd.
Qebr*. PRAKKP;
EIBER GEN.
Engelsen-Lederen. Kroonleder en
Rawbide Drijfriemen,
Katoenen-, Kameelharen- en Balata
Drijfriemen,
Snaar-, Bind- en Naairiemen van bruin
en geel Kroonleder,
Victoria Lederen. Kroonlederen en
Oaktanned Slagriemen.
De beroemde Blauwe Chroomledep
Slagriemen.
16 Gouden, Zilveren en Bronzen Medailles.
EEREKRUIS - Amsterdam 1895.
-ocr page 51-
A D V E R T E N T I Ë N.
47
L VAN DER WEIDEN,
KRIMPEN a/d LEK.
POST.
JHJmoijk Z.-H.
Wijnhandel
IN
VAN
Holleveranoier van H. M. de Koninjtm-KeKentes.
HEIPALEN.
GESTEL &ZOON,
EINDHOVEN.
EtiquettenfabFiek.
Kunst- en
Handelsdrukkerij.
Reclame-Artlkelen.
Photo-Lithografio.
H. SWARTTOUW,
DELFT.
Sigarenfabriek.
Geïmporteerde
CIGARETTEH
EN GROS.
6*. F. & J. TM BUUREN,
Zuideinde 115,
DELFT.
MeubeltrnnsjKJrt voor Binnen- en
Buitenland en in de Stad.
Lossen van alle goederen uit Spoor-
waggons en Stoombooten.
Belasten zich tevens met liezorgen
van Machinerieën en andere levcran-
ciën aan \'s Rijks Werkplaatsen en
Magazijnen.
Commissie en Expeditie Douane
Formaliteiten enz.
JL\\.        ff Sm* jêljl, j* j&4 <m>*i «jui v/ v^- Al .
te GRAVE.
Het oudste en best bekende Huis Voor
Rijnwijnen in Nederland.
Proefmanden, inhoudende 12 flesschen
in 4 soorten, worden franco alle spoor-
wegstations in Nederland gezonden tegen
rembours in de volgende prijzen:
f 11.-, f 17.50, ƒ25.- en ƒ30.-.
Vraag Prijscourant
E. VAN DEN MEIJBENBEÜ
TILBURG.
Handelaar in Venster- en Spiegelglas en Verfwaren.
[flldttil Yoor liet graveeren en ornementeerea van
VENSTER- en SPIEGELGLAS.
Bekroond te Amsterdam 1883 met een Zilveren en een Bronzen Medaille.
MIJNSSEN & Co.,
Ing\'enie-u.rs en Slectroteclxziici,
AMSTERDAM.
Transformatoren. Aeenmnlatoren.
AANLEG VAN
ELEOTRISCHB SPOORBANEN
SPECIALE ROZENCULTUUR.
Mijne STAM-, STRl IK- en KUMUOZK.N etc. zijn brkeinl nis de selioonste
en mlldbloelendgte op dit gebied. Prachtige quuliteit. Prijzen billijk, ducb per
eorrespondeutii\'. Voor rene aanplauting van belang kom ik gaarne over 0111 teven»
van raad voor de ligging van de perken etc. te dienen.
POST\'S-ROZE N M EST
bleek ook gepasseerd jaar afdoende te zijn, gaf schoono bloemen en planten. Is
gemakkelijk toe te dienen. In kistjes van I, 2} en 5 kilo.
Prijzen billijker voor 1896.
Bekroond Gouden Medaille, Hoogste Onderscheiding, AMSTERDAM 1894.
GENT,
Zilveren Medaille, 1893. Scheikundig onderzocht door Dr. P.
WOLTERING.
P. J. NOLLEN, \'s-Bosch.
Geen naad in \'t Been.
HEEEE1T
Tricot-Onderpantalons.
Lengte van het been gemeten langs de buitenzijde.
100 cM.                105 cM.                 HO cM.
è, ƒ 12.75               a ƒ 14.-               a f 15.50
per dozijn.
Sterke 3-draadskwaliteit: uitstekend goed passend en
solied afgewerkt model; zijn beter en dragen aangena-
mer dan ander fabrikaat in dezen prijs. Franco mon-
sterzending door Nederland. Dunne kwaliteiten ver-
krijgbaar geschikt voor Indië en Transvaal.
Opgericht 1846. SCHENK & Zn.,          Gouda.
P. N. VERSTEEG-,
Molen „DE HOOP\'\', Baarsjes 96.
SLOTEN - AMSTERDAM.
Malerij en Handel in
Vuurvaste Cement,
Gemalen en gewasschen Krijt,
PIJPAARD, JIAIMMI.il\'.
SCHELPZAND.
Brusselaard voor Gieterijen, enz. enz.
LOONMALERIJ
voor alle mogelijke artikelen.
Gebr. TICHELAAR,
MAKKUM.
DIRK VAN OOSTVEEN,
HOMMEL bij ITtreelit.
Fabrikant van
3^Ca.cliizi€ile ZTzera.axd.ez3. Buizen
IX
VUURVASTE STEENBN.
VAN RËNËSSFS TAFELBIEHEN.
P.E. 13UJ33RT^ IPttlINOElSSE,
DUBBEL GERST E,
zuiver, krachtig, aangenaam van smaak.
Verkrijgbaar bij onze Bottelaren, op verschillende plaatsen.
Gvrinehem.                    A. F. VAN RENESSE &. Co.
(jebps. Van Hasselt,
STOOM-
KAMPEN.
r
Fabrikanten van Witte en Geschilderde
MTJURTEGELS.
delftsgbT
AARDEWERK
............<iiiiiiii>i>iiiii...........i...........int.....tini
DAKPANNEN. VLOEREN.
Filtreermachines. enz.
Zilv. Med., Antwerpen 1894. |
CHARLES DE STERKE,
F* il.
Ijevi.T7-olia.-veri. 127,
EOTTBEDA.M.
MAGAZIJN VAN
Gas-, Stoom- en Waterleiding-Artikelen.
Specialiteit in AARDEWERK, als:
Complete Waschtafels, Closets, Baden, Badkachels, etc. etc.
Catalogussen en Prijscouranten op aanvrage gratis verkrijgbaar.
AMSTERDAM.
Machinerie en verdere Benoodigdheden tot fabrioage
van Limonade en Koolzuurhoudende Wateren.
f. VAN
Spuistraat 74,
WK,
H. P. VAN DIJK,
AMSTERDAM.
Likenrstok-eHj \'t SCHIPBLOK.
Opgericht Anno 1813.
BOONEKAMP-
Oranje Bitter,
CIÏROEN-EITTER,
FIJNE LIKEUREN.
KRUIDEN ELIXER.
Pnnac h-Siropen.
Ziet e n oordeelt.
Hotel Toelast
is het goedkoopst en best adres.
Groote Markt, ARNHEM.
Aanbevelend,
J. VAN DE NOORT.
AMSTERDAM.
■ «adte»
FABRIKAXT IN
HOUTEN SCHOORSTEENMANTELS.
Gedraaide en Gebeeldhouwde Hoofd-Balusters en Tusschen-Balusters.
DEURKRUKKEN enz. enz.
Alles tegen de meest concurreerende prijzen.
Op aanvraag teekenlng.
••\' .
-ocr page 52-
A D VERTEN T I Ë N.
4*
Fin J. S. Hooihiiistra,
Koekbakkerij,
R. REGENBOGEN,
Peperstraat, SNEEK.
Mijne verduurzaamde FIUKSCI1K
KOEK. (tMlll.HKOIK on SITAKK-
KOl\'.K. verpakt in kistjes van 8 stuks,
worden tegen toezending van postwissel
f 2.50 franco verzonden naar alle
plaatsen in ons land. Geschikt voor export
nnar Oost en West.
Uitsluitend gemaakt van zuivere grond-
stoffen.
Voor winkeliers ook per stuk ver-
krijgbaar.
Vraag Prijsopgave.
. F. 6. L
UTRECHT.
Distillateur Ie Klasse,
LIKEURSTOKER
EN
Handelaar in Buitenlandsch
Gedistilleerd.
Hooftskade 150,
\'s-GRAVENHAGE.
Telephoonnummer 165.
Fouragehandel.
Stoom-Korenmolen.
Maïskoekenfabriek.
Wittevron wen singel No. I
Intercomm. Telephoon-verkeer No. 74.
Verkrijgbaar bij alle Winkeliers in Nederland
GLASFABRIEK LEERDAM,
VOORHEEN
Mei, Mijnssen & Co,
AMSTERDAM.
Fabrikaxtin v as
Gekleurd en Ongekleurd,
Geslepen, Gegraveerd,
Geëtst en Geperst
Kristallen en Halfkristallen
TAFELSERVIEZEN. FLESSCHEN etc.
Bekroond \'>p versehillende Ten-
toonstellingen.
JEEKEL & Co.
Fabrieken te
L K K JEOJ A. M:.
Kantoren en Mauazijnen:
AMSTERDAM, Groenburgwal 5;
te ROTTERDAM, Haagsche Veer 34-35.
BEKROOND:
Gouden .Veil.: Amsterdam 1887,
Brussel 1888.
Antwerpen 1894.
Zilveren 3f*d,.• Parijs 1889.
DemQohns, WQn-, Bier-, Jenever-,
Likeur-, Olie-, Bessennat-, Inmaak- en
andere Klessclien.
O U D-H O L L A N D.
VAN GÖRKÜM\'S
echte Friesche
BOERENJONGENS
zijn overal verkrijgbaar.
BekroorH me1\'. Gouden Medaille,
Hoogste Bekroning.
Hoofdagenten voor Amsterdam :
Firma J. H. Haasma & Zn.,
X. Z. Voorburgwal 26.
G. 0. VAN GORKUM, Sneek,
DISTILLATEUR.
De Merlaiiilsciie Maatschappij
van BRANDVERZEKERING
gevestigd te TIEL.
Opgericht in 1833,
KAPITAAL één Hillioen galden.
Reservefonds.....f 252.620.61
Andere reierven .... ƒ 707.349.68
Verzekert tegen billijke, vaste premie
alle onroerende en roerende goederen,
binnen liet Koninkrijk der Nederlanden,
tegen schade ontstaan door brand, of
door bet inslaan van den bliksem, ook
al beeft dat inslaan geen brand ten
gevolge gehad.
I. VIN DEB EERDEÏ
Bok stel.
STOOMWEVERIJ
VAN
Ruw, Blank en Gebleekt Linnen.
SPECIAAL INGERICHT
tot het vervaardigen van
DEKKLEEDEN
FABRIEK VAN
Pepermunt, Gom en Suikerwerken,
VOORHEEN
AMSTERDAM.
Het beste adres voor
Gomartikelen, Suikerwer-
ken en Drop*bastilles.
G AGTERBERG,
Directeur,
Gezond en Lekker
is het beroemde
t. i. Veen\'s Elixer
wekt den eetlust op en
bevordert de spijsver-
tering. Ook in mineraal
of gewoon drinkwater.
IiCvert het gezondste
en zuiverste Bittertje.
In \' de voornaamste
Slijterijen, Café\'s enz.
te bekomen.
Voor in \'t groot aan
de Arnhemsche Bitter-
fabriek
SPIEGELGLAS, VENSTERGLAS.
Atelier voor Loodbeglazing.
FILIALEN:
te Hoorn: Oroote Noord 63.
te Groningen : Coehoornstngel.
VERFWAREN, DROGERIJEN.
Specerijen, Chemicaliën.
8CHILDERSGEREEDSCHAPPEN.
Machinekamer behoef ten.
VEBNISSTOKEBIJ.
Teohnisch Chemische Fabriek.
Firma JAN HOUWINK Gz.,
SNEEK.
Kantoor: Oude Koemarkt.
Magazijnen : Grootzand, Kniitsliind.
Faliriek ajd (leeuw.
Amerikaansche Waltham Mass.
Kenig Agent voor
Nederland & Koloniën
Bt. JOEL BEER,
AMSTERDAM.
„Speciaal en Gros".
Firma v. d. Veen en
J. A. Sleijster
Oudste Bitterfabriek in Nederland.
�30247
voor Spoorwagens, Stoombooten enz,
Geprepareerd geheel water-
dicht LINNEN.
D. J. FIKKERT, Almelo.
Hofleverancier.
LINNENMAGAZIJN TWENTHE.
39940661
VAN INBRAAKVRIJE, MET STAAL GEPANTSERDE
Brandkasten en Kluisdeuren,
J. LIPS Bz.
.til
\'%.
MAGAZIJN
Groenmarkt 9, DORDRECHT,
e n Depot
#*23k&
V
«5S2*»
^Na
Koninklijke Magazijnen
* J. VAN ZANTEfl & Co.,
,«35*
Oi
^J&»/\'fiï*^ ■■■\'■
^xm^imr^
él
&
^
\'Jrjr*9s
i
"?s
fi%%m:%v^
Hofleveranciers.
« *>
O r
«■
-ocr page 53-
Ph. VAN PERLSTEIN & Zn.,
DOETINCHEM.
Doetinehemsehe Stoom-Likeup en Pomeranzen-Spiritusfabriek. — Stoomdistilleerdei\'ij.
I
SPECIALITEITEN IN
Fijne Elixers en Verduurzaamde Advocaat.
Eenigste Fabrikanten <lcr -A.«lvOO«,ï*.t -A.Il.li- I >i&l»Óti«lll.O, meer bjjxonder vervaar-
rligd ook trn gcbririke voor hjdorii aan suikerziekte, wolko geheel vrij is vuu benige Huikorgtofl\'en of Glucose.
BEKROOND:
WerehlhhlootiMtlliiuj Parij», Keulen en Heul 18M»: EERE-OIPLOMA. COUDEN en ZILVEREN MEDAILLES.
Wereliltentoonstellinri Am si e in um Ib95: COUDEN MEDAILLE.
i
ff
Firma ,,W. A.
HOOFD-BUBBAÜ
Intercommunaal.
Telephoon No. 156.
Telegramadres: SCHOLTEN
GRONINGEN fHolland).
fy
merk.
Handels
*
Afdeelings-kan toren:
(▼oor (ie Suikerraffinaderij en Kandljfabrlek te Gronlngea.
Te GRONINGEN
„ „ Aardappelmeel, on^ Siroop-, Sapo-, Gepakt "
eel. en Gomfabrteken te Hoogesaad,
ie ais VOEDINCS-
•«Genotmiddel
Zaidbróêk, Knntendam, Veendam. ZulriWemlinfr en Stadskanaal.
! v.h>r <le Veenderij, Turfstronlselfabriek en Fabriek
van machinaal geperste Turf te Klaslenaveen, (fcm.
........
                  ......                                                Emme» (Drenthe).
voor de Stroocarton- en Papierfabriek te Nappemeer.
GRONINGEN
KOTTKItllllH
LONDO.V S.K.
SAFPEMEEIt
Brandenburg a/H.
Aardappelmeel
l.andshere a/1
Sirniip-, Dextrlne- en Suikerfabrieken te
. en PodeJUeh b/Slettln.
BRANDENBURG a/H.
\'omVemwbaa/\'
Uitsluitend inbussenVoofiien van ons
Gedeponeerd Fabrieksmerk.
Hoofd vertegenwoordiger voor Nederland de Heer A. OVERWEG, Rotterdam.
ZUIVERE FRIESCHC BAAI
van BOTJWE T AC ON IS, Leeuwarden.
Stoomtabaksfabriek „DE OLDEHOVET.
Houdt zioh tevens aanbevolen voor de levering van zijne andere soortor.
TABAK, allen uitmuntende door Kwaliteit.
In bijna alle flinke plaatsen reeds Verhoopers gevestigd.
Hcutbereüliug tegen bederl.
KYANI8EKKINHICHTIN6.
H. LENS1NK, Arnhem,
levert pasklaar gek yaniseerd (rot- on zwamvrij) Kasterwerken
Schattingen, Broeibakken, Vloeren, Vloerrlbben, enz. enz.
Eenip seker werkend reuk- en kleurloos middel.
WILLEM SMIT & C°.
Electrisehe Machinenfabriek. — SLIKKERVEER.
WISSELS
worden op /.eer voordeelt go voor*
waarden goïncusseerd door
PARREL & Co.,
in Kflectcn etc.
WINSCHOTEN.
De Arnhemsche BankvereenigiRj,
BOON HARTSINCK è PLIESTER,
Koningstraat V 15, te Arnhem
met BRANDVRIJEN KELDER, gele-
genheid gevende tot het haren van
daarin geplaatste Brandkasten, neemt
velden a deposito, belast ziuh verder met
hot doen van Uankierszakcn enz.
**t)
*.
STOOM-ZÜIYELFARRIEK.
Vraagt
Fabriekmatige bereiding uit Koemelk van Roomliotcr en Komijnekaas.
BINNEN, en BUITENLANDSCHE HANDEL.
V E &•£ E N D1N« EN NAA K
OOST. en IFEST-JXDrÊ en ZVLD-AFRIKA.
Levering van prima kw. VERSCHE ltOOMBOTËB,
door liet geheele land, iu iedere gewènsoate lioeveellieid.
BEKRONIlTaElT:
London Daisy show 1880, :io prijs, bronzen medaille — Landlmuwtentoonst.
Gorinchem, Sept. 1886, twee 3e prijzen, br. mod. — Idem Alkmaur Sept. 1891. lepr.
verg. z. med. en 2o pr. z. nicd. — Nationale tiotertontooiist. Waunniniren, Juni 1892,
eervolle venu. — Landbouwtentoonst. Sopt. 189ï, Leiden, twee Ie pr. vorg. zilv. med.
— Idem Sopt. 1893, Amsterdam, 2o pr. zilv. medaille.
Onze boter Htaat onder voortdnrendo controle van het Bureau voor Chemiveh
en Mioroftcopinoh Onderzoek van de Heorcu Dr. P. V. VAN HAMEL ROOS en
A. HARMENS Wzn., te ^mstentrtin.
Blaiu\'
i)
,upf ftf,
tfw* Deze |
\'JSèmAmf^) Sqaeerzeep,
/ die y,cdu-
\' rende bjjna|
hondo\'rd
Grdrpou. F.tfirirlem^rh. jilreil lllll\'en I
roem hatidhuuft, en i\'eormalcn I
net g uil bekroouil , munt I
luit door groot vetveLalte,I
.vii.iniiKn- zij duurzamer en
I d.turoni voo rdeeliger is, dun |
mdtiro ald Scheerzeep uunge-
uoileoo soorten.
ALOM VERKRIJGBAAR.
Fabrikant:
ISAAC BOUSQUET &. Co.,
Delft (llullund).
tot ÏO Kilo Watt Type
Dynamo\'s en Motoren
Biiksemafieiders.
W. C. OLLAND,
UTRECHT.
HOLLANDIAS KINDERYOEDSEL £
Uekroond met
t\'erlille. v. Verdienste Eerste klasse en ti\'nuilen Heil. Calcutta
188.1—81, Eerste klasse Orde van Venlleusi,. Melboiirne 1888—89,
door do Acndemie tfatioanlo ü\'Paris en wijdors mot 11 Gooden ea
Zilveren Medailles op onderscheidene TetilooDRtelltnKen.
Do Gecondenseerde Melk van dr Fabriek Hollandia te
Vlaarctingen on Bols-word, wordt voortdurend gebruikt in do
KinderbewaarplaatHen dor voornaamste steden van ons land en dankt
haar toenemend debiet aan do deiiird. dat zo in vcroenitfing met
andere voedselx steeds pood wordt verdragen. Omtrent de waarde
van dit voedsel vindt mon de ln\'lane-rijke medc-deelinirun in het
Weokbl. van het Xed. Tijdschrift v. Oeneenfc. omtrent sauienstellin^
en in het HV,•/,•(,(. v. Pharm. Hollandiaa Gecondenseerde
Melk i» verkrjjffbaar bij ALLE VOORNAME WINKELIERS en
COMESTI BLES-H A NDELABEN.
Stoom-Tabaksfabriek
„De rustende jager".
Meppel — llolland.
Net b\'UtV lickrooinl Anistrrdani IMi."».
Vi\'tiagl:
Cooymans-Elixer,
(PUNSTK BfBRK)
bekroond met 14 Gouden Medailles.
J. G. COOYMANS & ZOON,
\'s-Hei\'togenbosch.
Jai.soi.uis Thee
GRONINGEN.
Overal verkrijgbaar.
Ctiineesche <*
^ Karaktertrekken
Komnkl. Fabriek van Landbouw- en andere Werktuigen.
IJzer- en Metaalgieterij. — O. STOUT, TIEL. — St«wmhoutzagerij.
Parel-Koffiemachinea voor rondboon. — Trieurs voor Oranen, Hijst en Tropisch»
producten. — Sproeimachine» voor Bouiilie Bordelaise.
— .......wrr.i.rik».,!, GEORG WILSON,
-e*
Aanueiner v. Hooftlloidingen
voor €lit« en Water.
Complete Installaties van
DEN HAAG.
loidswortli,
Spinnerijen, Sterkerijen, Weverijen,
Tattersall
Koper- en 1Jz crgio ter ij, Machinefabriek\'
ENSCHEDE.
Koperen Kranen en Afsluiters.
Delftsche Disülleerderij. Eist- en Spïritusfabrïek,
Toorheen f AN MEERTE1 & ZONEN,
DELFT.
Levering naar Binnen- en Buitenland van fijnste qnaliteit:
OIST, JENEVER, BRANDEWIJN
■ N
O-emethyleei\'de SpiritUH.
JOHs. SIBLESZ, Arnhem,
ooiiiw Mnurazijn uitsluitend in THLliIIïJ.
Koninklijke Nedeilandsche Kabinet-Inkt-Fabrifck
JNEEIiMBIJüiB & Co., (D. ü. L. Neei.mkijer Ja.) Apeldoorn.
Schrijf-, Copiëor- en Stcni|ielinkt. Vloeibare l.jjm , Zegellnk enz.
Zilveren Medailles r,.,, l.SSll, Antwerpen 1890, Amsterdam 1892, Batavia 1893;
Gouden Medaille Antwerpen 18111: Kêre-Piploma\'s Niua 1800. Madrid 1890.
Koninklijke Taptjtfabriek. — Wcveiiter.
Directeur: P. O. VAN SCHERMBEEK.
U III II l..\\ Binnen, 0.1 llnltcnlunilsclir liekrouiiiarn iiMirfiiilfel» In MUI» *in>rmi.TnplJ(«ii
DRUPPELS
van Dr DB VRIJ.
Het. krachtigst werkend middel tot bestrijding
van Malaria (Uinnonkoorts), Bloedarmoede,
BleekZUOht enz., worden uitsluitend verkocht
in D verzegeld* flacons gedekt door nevon-
staiiiiu fabrieksmerk, a /\' 1. ■- per flacon.
Alom verkrijgbaar on tegen toezending van
post wisse! n / 1.15 .echtstreoks en franeo uit de
Chemische Fabriek van H. NANNING, Den Haag
Fotografie-Artikelen,
E. FISCHEL Jr.,
Gelders chekade 88, AMSTERDAM.
W. ME1SCIIKK SMITH.
met bljiu. 200 I 11 11 « t r a I. i «• u.
in kleuren gedrukt, van
J. v.\\n OoitT.
I\'ltlJS lu j(>/. geïllustreerd*
mnnlagf2.S0. Uebond.f\'J.UO
• ■
.-•