-ocr page 1-
APFÖBT
OVEE
éProeven met êCunstmeslsigffet^
GEHOUDEN DOOR DE
Commissie benoemd door het Hoofdbestuur
DER
Nederlandsche Maatschappij voor Tuinbouw
en Plantkunde.
MET EENE KLEINE OPMERKING VAN
JOHs. BE JOME,
lid der controle commissievan de proefvelden der a/d. „Dordrecht en Omstreken".
Kosteloos uitgegeven doob de
MAATSCHAPPIJ TOT VERKOOP VAN HULPMESTSTOFFEN
IN NEDERLAND EN KOLONIËN,
DORDRECHT
Druk: DE BOER & Co. .—
Dordrecht.
-ocr page 2-
-ocr page 3-
RAPPOBT
OVER
éProeven met SKünstmeststoffeti^
GEHOUDEN DOOK DE
Commissie benoemd door het Hoofdbestuur
DElt
Nederlandsen e Maatschappij voor Tuinboirw
en Plantkunde.
MET EENE KLEINE OPMERKING VAN
JOHs. BI JOTCE,
lid der controle commissievan de proefvelden der afd. „Dordrecht m Omstreken".
Kosteloos uitgegeven doob de
MAATSCHAPPIJ TOT VERKOOP VAN HULPMESTSTOFFEN
IN NEDERLAND EN KOLONIËN,
DORDRECHT.
Druk: DE BOER & Co. — Doedbecht.
-ocr page 4-
-ocr page 5-
Met veel belangstelling heb ik het navolgend rapport van
de Commissie uit het Hoofdbestuur gelezen; met de bekende
nauwkeurigheid heeft de rapporteur, de Heer
C. Kwast, in
overleg met de andere Heeren commissieleden, zich weder van
zijn opdracht gekweten en getoond de aangewezen persoon te
zijn om zulk een juist rapport samen te stellen.
In genoemd rapport treft het mij, dat op verschillende
plaatsen eene onoordeelkundige toepassing van de kunstmeststoffen
heejt plaats gehad, het blijkt hieruit volkomen dat enkele proef-
nemers volstrekt geen denkbeeld hébben van de samenstelling
der verschillende meststoffen, en ongelijksoortige grootheden
met elkander laten wedijveren.
De proef van Nijmegen valt hierbij het meest in het oog:
men vergelijkt daar (b. v. op No. 1) beendermeel (stikstof- en
phosphorzuurhoudend, moeielijk oplosbaar) met superphosphaat
(enkel phosphorzuurhoudend, in tvaier oplosbaar) met zwavél-
zuren ammoniak (enkel stikstofhoudend en langzamer oplosbaar
als stikstof in Cliïlisalpeter) Thomasphosphaat met moeielijker
oplosbaar phosphorzuur en roet en privaatmest, onoordeelkun-
diger kan het toch bijna wel niet; met de andere proeven is
het al niet veel beter gesteld.
Het heeft ei- veel van alsof het werkje van Prof Wagneb
in het geheel niet is opgeslagen om als leiddraad te volgen; in
-ocr page 6-
de tuinbouw is het gebruik van Hulpmeststoffen meerendeels
eene onbekende grootheid en is het dus terdege aan te bevelen
dat men maar zoo niet in het wilde proeven neemt, zonder met
de eischen door de planten gesteld, rekening te houden. Ik moet
het toejuichen dat de „Maatschappij tot Verkoop r&n Mulp-
meststcffen" te Dordrecht gratis, bescheiden hoeveelheden mest-
stoffen heeft willen afstaan om proeven te nemen en is het
plan, naar ik verneem, om deze proefnemingen over drie jaren
te verdeden, teneinde een juist overzicht van de werking te
krijgen, van die meststoffen, welke het voordeeligst aan te wen-
den zijn. Aan te bevelen is het echter om de kunstmest niet als
concurrent van den natuurlijken mest {stalmest, compost, roet,
secreetmest) te beschouwen, maar hem naast deze organische
meststoffen aan te wenden b. v. Jtalf om half, men kan er dan
van verzekerd zijn, dat de bemestincjskosten mindsr, en de op-
brengst grooter zal zijn.
Ik hoop dat 1895 & 1896 ons een goed eind nader tot
het doel zullen brengen.
JOHs. I>B JONGE.
lid der coidróle-eom missie van de proefvelden der
Afd% Dordrecht en Omstreken.
-ocr page 7-
PROEVEN MET KUNSTMESTSTOFFEN
genomen door de Nederlandsche Maatschappij
voor Tuinbouw en Plantkunde.
Namens de Commissie, benoemd in de vergadering van
liet Hoofdbestuur gehouden op 26 Januari 1895, en belast
met het uitbrengen van een verslag over de in 1894 genomen
proeven met kunstmeststoffen door enkele Afdeelingcn onzer
Maatschappij, heb ik de eer u het navolgende mede te doelen.
Ingekomen zijn, hetzij ingevulde Modelstaten met of
zonder bijlagen, hetzij meer of minder uitvoerige verslagcu
van de volgende Afdeelingcn:
Groningen en omstreken.
Dordrecht ,, ,,
Nijmegen „
Gooi- en Ecmland (uit Hilversum).
Haarlem en omstreken.
Van de Afdeeling Leiden en omstreken kwam het be-
richt, dat de procfnemer geen kans gezien heeft den Model-
staat in te vullen, zonder moer.
De Afdeeling Groningen en Omstreken heeft de proeven
doen controleeren door eene commissie van 3 leden, de heoron
H. Buhger, J. Heydema, K. de Vuieze.
De Afdeeling Dordrecht en Omstreken dood hetzelfde
door eene commissie van 7 leden, de hoeren C. Kwast,
A. Wulfsb, K. Bothof Ju., J. Kloppekt, H. Kruk, Joh*, de
Jonge en J. C. Muijkn.
De Afdeeling Nijmegen en Omstreken handelde evenzoo
en wel door eene commissie van 3 leden, de hoeren H. A. J.
Abeleven, H. A. Geriutsen, C. A. Hiebendaal.
De proeven genomen te Haarlem en te Hilversum schij-
nen niet door anderen gecontroleerd to zijn.
-ocr page 8-
(•)
Ik stel mij voor:
lo. Het belangrijkste uit die verschillende ingekomen
stukken u mede te deelcn.
2o. De uitkomsten, waar het mogelijk is, met elkander
te vergelijken.
3o. Eene conclusie te trekken voor zoover dat mogelijk is.
In de Afdceling Groningen en Omstreken zijn door den
heer A. Fiet in den Hortus Botanicus, proeven genomen op
5 bloembedden, waarvan do oppervlakte van 6 tot 11 M3.
groot was, elk bed werd voor de helft bemest met kunstmest,
de andere helft bleef onbemest. Zij werden beplant met:
No. 1. Lobclia ignea (oude planten).
No. 2. Antirrkinum majus var: (zaaiplanten).
No. 3. Knol-Begonia\'s (oude knollen).
No. 4. Primula veris en Primula acaulis (kicmplanten).
No. 5. Verbena hybrida (stekplanten).
Per M8. is bemest met 2 Hectogram superphosphaat,
Va Hectogram Chilisalpeter en 1 Hectogram kalk. Alleen het
bed met Knol-Begonia\'s kreeg bovendien nog per M2 lk Hec-
togram zwavelzure kali-magnesia of patent kali.
Het superphosphaat werd met de Chilisalpeter gemengd
en over den grond gestrooid, daarna ondergewerkt met do kalk
en vervolgens werd den grond nat gemaakt.
De commissie van controle ging die bloembedden bezien
op 27 Juni, 3 Scpt, 17 Sept., 16 Oct. en noteerde achtcreen-
volgens voor de
Lobelia\'s, geen verschil op te merken, bemest gedeelte
planten iets zwaarder en meer vertakt, bemest gedeelte plan-
ten sterker, bemest gedeelte do planten krachtiger en beter
ontwikkeld, de bloem niet.
Antirrliinitm\'s, bemest gedeelte intensivcr groen van
kleur en meer vertakt, geen verschil, bemest gedeelte blocm-
rijker en grooter van bloem, weinig verschil op te merken.
Knol-Begonia\'s, geen verschil, geen verschil, weinig ver-
schil, alle planten zeer slecht.
Primulds, bemest gedeelte krachtiger, iets voller van
-ocr page 9-
7
blad ofschoon verschil gering-, bemest gedeelte veel sterker
planten, bemest gedeelte munt uit boven bet onbemeste.
Verbena\'s geen verschil, geen verschil, onbemest gedeelte
veel rijker in bloei dan bemest gedeelte, geen verschil.
De heer Fikt voegt hier nog aan toe, dat hem bij het
opnemen der Lobelias gebleken is dat de bemeste planten zich
veel meer hadden ontwikkeld, en hij hetzelfde verwacht bij
do Primula\'s, dat de proeven te laat begonnen zijn en de mest-
stoffen daarom niet voldoende hebben kunnen werken.
De heer O. J. Quintüs te Helpen bij Groningen nam
proeven op gemengden bemachtigen zandgrond, vroeger wei-
land, sedert drie jaar bouwland en die jaren bemost mot stal-
mest. Het proefveld was groot 4tys Aren en verdeeld in 9
afdeelingen elk groot Vs Are.
No. 1, 2, 3 werden bctceld met groene erwten.
No. 4, 5, 6, 7, 8 en 9 met roode wortels, knolrapon,
witte en roode sluitkoolcn.
No. 1, 5 en 9 zijn bemest met 2l/2 kilo Patent-kali, 5
kilo kalk, 5 kilo superpliosphaat terstond door den grond ge-
werkt, die daarna omgespit is. No. 5 en 9 werden later, toen
do gewassen opkwamen of geplant waren, nog bestrooid met
lVé kilo Chilisalpcter en 2 a 3 weken later nog eens bestrooid
mot lVa kilo Chilisalpcter.
No. 2, 6 en 7 werden gewoon met stalmest bemest en
3, 4 en 8 bleven onbemest.
Hoewel de grond in eene zeker mate van vruchtbaar-
heid verkeerde, viel het onderscheid in de Averking der mest-
stoifen toch duidelijk in \'t oog. De kunstmeststoifen werken
vlug, do veldjes daarmede bemest stonden in \'t begin veel
weliger dan de andere, later zette de stalmest moer aan.
De erwten op No. 1 met kunstmest stonden in \'t begin
prachtig, vooral de blauwe kleur der bladeren viel in \'t oog.
De opbrengst in stroo was even groot als van No. 2 met
stalmest, van No. 3 onbemest was \'t stroo zichtbaar korter.
De opbrengst der erwten was van No. 1, 10 liter, No. 2,
12V2 liter en van No. 3, ll3/i liter. Bij de wortels behaalde
-ocr page 10-
8
de kunstmest de overwinning, bij de knolrapen de stalmest
en de sluitkool, met kunstmest behandeld, stond in den aan-
vang beter en groeide vlugger, hoewel die mot stalmest dat
later weer inhaalde. De kooien op dé kunstmest waren eerder
gereed om gesneden te worden, niet zoo groot van omvang
als die op den stalmest, muntten uit door vastheid, en hadden
niet zooveel van de rupsen te lijden.
De opbrengst in gewicht der wortelen en knolrapen
was van No. 5 en 9 bemest met kunstmest te zamen wortelen
1323/.j kilo, knolrapen 117"4 kilo, No. 6 en 7 met stalmest
wortelen 124V2, knolrapen 1231/* kilo, en van No. A en 8,
onbemest, wortelen 119 kilo, knolrapen 9 D/4 kilo.
De heer Quintus merkt in zijn uitvoerig verslag nog
op, dat waar men bij het verbouwen van tuinplaten verlangt
eene grootc opbrengst van stengel en blad, men de opbrengst
in die richting bevorderen kan door rijkelijke toediening van
stikstof en kali, verlangt men meer bloem en vrucht, dan zal
eene goede dosis phosphorzuur goede resultaten geven.
De heer J. de Waard Szn. te Groningen, aan den straat-
weg naar Peize, nam daar op zijn goed beschutte kweekerij
proeven op kleigrond gemengd met derrie, die het vorige jaar
met ongeveer 100 kilo stalmest per Are bemest was geweest
en waarop toe schorseneren geteeld waren.
Het proefveld was groot 4 Aren en verdeeld in 4 stuk-
ken ieder van 2 parallelveldjes, elk dus Va Are groot, aange-
lcgd en gespit den 7den April, beplant met Utrechtsche roode
Koolplanten en geele Savoye Koolplanten,
van ieder 60 stuks
op elk parallelveldje, den 9den Juni en in het laatst van
November werd geoogst.
Elk parallelveldje was weder verdeeld in 4 even groote
stukjes, waarvan No. 1 onbemest bleef, No. 2 gemest werd
per Are met 10 kilo kalk, 10 kilo superphosphaat en onder-
gespit en overbemest met 2V2 kilo Chilisalpetor, bij het bo-
planten een paar weken later nog eens met 2V3 kilo Chili-
salpetcr overbemesting, No. 3 mot dezelfde hoeveelheden en
dezelfde toediening als bij No. 2, bovendien werd nog onder-
-ocr page 11-
9
gespit per Are 5 kilo patentkali, en No. 4 met per Are 240
kilo stalmest.
De opbrengst was als volgt:
Van No. 1 onbemest 168 bruikbare kooien met een totaal
gewicht van 212 kilo dus gemiddeld gewicht per kool 1,26 kilo»
Van No. 2 kunstmest zonder kali, 125 kooien, totaal
gewicht 1507a kilo, per kool 1,20 kilo;
Van No. 3 kunstmest met kali, 174 kooien, totaal ge-
wicht 227 kilo, per kool 1,30 kilo;
Van No. 4 stalmest, 130 kooien, totaal 134 kilo, per
kool 1,03 kilo.
De proefnemer zelf zegt uit deze proef geen conclusie
te willen trokken, omdat uit de opbrengst der onbemeste
veldjes blijkt dat de aanvankelijke bemestings-tocstand van
den grond, te gunstig was, en dat zonder twijfel ook de late
aanwending als gevolg van late ontvangst der kunstmest oor-
zaak is geweest, dat de werking van deze niet was, wat ze
had kunnen zijn. Opmerking verdient nog dat op de veldjes
met stalmest bemest, de meeste Knolvoeten gevonden werden,
en dat de planten van de veldjes bemest met kalk super-
pbosphaat, Chilisalpeter en Patentkali, de planten van den
beginne af zich onderscheidden door de kleur, die eene goede
opbrengst deed verwachten.
Voor rekening der Afdeeling Dordrecht en Omstreken
werden aangelegd 2 proefvelden, één dicht bij Dordrecht aan
den Rijksstraalweg bij den gemeentekweeker N. van Eck, en
één te Zwijndrecht bij den gemeentekweeker P. Stolk, het
eerste op zandachtigen kleigrond, geheel openliggend terrein,
waarop het vorige jaar winteraardappelen waren geteeld en
dat onbemest was gebleven, het tweede op lichten kleigrond,
terrein rondom door rieten heiningen beschut, waarop het
vorige jaar vroege aardappelen en andijvie waren geteeld,
en eveneens toen niet bemest was geworden. Beide proefvelden
waren even groot, 4 El. roeden bij 5 RL roeden en verdeeld in
4 bedjes van 3 vt breed en 4 RL R. lang, beteeld met pootuien en
daartusschen aardbezieplanten.
-ocr page 12-
10
4 bedjes van 2 vt breed en 4 RL R. lang, beteeld met wortelen.
4 bedden „ 8 ., „ „ 4 „ „ „
                  „ 1 rij sui-
kerboonen, 1 rij witte kool en 1 rij bloemkool op elk bed te
Dordrecht en met 2 rijen suikerboonen op elk bed en de tus-
ruimte met krooten te Zwijndrecht.
Do bedden lagen nagenoeg in de richting van Oost naar
West, De beteeling der verschillende bedden was als volgt:
met poot-uien en daartusschen aardbezieplanten nitgeplant,
die eerst het volgende jaar opbrengst geven,
het eerste bedje bemest met 240 gram salpeterzure kali
208 „ phosphorzure „
80 „ zwavelz. ammoniak
het tweede „
          „ „ de helft der bovenstaande hoeveel-
heden en de helft der gewone
hoeveelheid stalmest,
het derde ,.
          „ „ de gewone hoeveelheid stalmest,
het vierde ., onbemest,
met wortelen in dezelfde volgorde, waarbij om de volledige be-
mesting met kunstmest gebruikt 1154 gram salpeterzure kali
is voor 11 M2. 275 „ phosphorzure „
] 165 „ zwavelzure ammoniak
met 4 rijen Stamsuïkerboonen evenzoo, waarbij voor de vol-
ledige bemesting met kunstmest { 165 gram salpeterzure kali
gebruikt is voor HM2, j 143 „ phosphorzure „
\' 22 „ Chilisalpeter
met Witte- en BloemJcoolen evenzoo, waarbij voor de volle-
dige bemesting met kunstmest i 480 gram salpeterzure kali
gebruikt is voor 32 M2. ] 416 „ phosphorzure „
\' 160 „ zwavelz. ammoniak
met Krooten geheel dezelfde toepassing als voor de
kooien.
De commissie van controle bezocht deze proefvelden op 7
Juni, 28 Juni, 3 Augustus en 19 September.
De kunstmeststoffen zijn onder toezicht van een paar leden
over de bedden, die eerst gespit waren, uitgestrooid en ver-
volgens ondergehakt. Op 7 Juni bleek dat alle onbemeste bedjes
-ocr page 13-
11
veel ten achter waren, die met halve bemesting kunst- en stalmest
waren de beste, bij de andere weinig verschil waar te nemen.
Op 28 Juni te Dordrecht het bedje bemest met kunstmest
alleen zoowel bij de uien als bij de wortelen het beste, die
met half om half iets minder, vervolgens die met enkel stal-
mest, en de onbemestc Let minst. Te Zwijndrecht stonden de
uien zeer ongunstig op alle 4 bedjes en van de wortelen waren
de onbemestc en met enkel kunstmest de slechtste, de 2 andere
vrij wel gelijk. Bij de boontjes nog weinig waar te nemen,
alleen werd opgemerkt dat die, waar alleen kunstmest gebruikt
was, het krachtigst en spoedigst opgekomen waren; hetzelfde
was ook opgemerkt bij boontjes en de wortelen te Dordrecht-
Van de krooten was het bed half om half het beste, de andere
weinig verschil.
Op 3 Augustus over de uien, die nu aan het afsterven
waren, was op het gezicht geen oordeel uit te spreken, de
opbrengst bij het oogsten zal nu uitspraak doen. De wortelen
waren reeds geoogst. Andijvie als naschoof uitgeplant. Bij de
suikerboonen was haast geen verschil waar te nemen noch
tusschen bemeste, noch onbemeste. — De kooien op enkel
kunstmest en op half om half het beste.
Op 19 September te Dordrecht bij boonen en andijvie
geen verschil, kooien op half om half grooter, zwaarder, andere
weinig verschil. Aardbezieplanten op onbemest en kunstmest
het minste, half om half beter, enkel stalmest het best. —
Te Zwijndrecht de boonen op onbemest het hardst gegroeid,
kunstmest redelijk, half om half beter, enkel stalmest het best;
andijvie, onbemest slecht, kunstmest ook slecht, half om half
redelijk, enkel stalmest goed. - Aardbezieplanten onbemest
slecht, de andere goed.
Hieronder de opbrengsten:
Te Dordrecht. Te Zwijndrecht.
Uien, onbemest 68,5 kilo .... 35 kilo
„ stalmest, 67,5 „ .... 38 „
„ half om half 69,5 ,, .... 40 „
„ kunstmest 77,5 ,, .... 36 „
-ocr page 14-
12
Te Dordrecht. Te Zwijndrecht.
Wortelen onbem. 107 bossen •. . . 172 bossen
,, stalmest 113
,, half om half 129
,. kunstmest 114
Suikerboonen, onbemest
184      „
185      „
182
     „
12   kilo
„            Stalmest I zonder noemens-16 „
,,          half om half waardig verschil 15 „
„         kunstmest              ... 161„
Andijvie, geen noemenswaardig verschil dito als te Dordrecht.
Kooien, half om half, de beste kwaliteit
Krooten, onbemest.......169 hossen
„ stalmest........210 „
„ half om half......197 „
,. kunstmest.......200 „
Nog moet opgemerkt worden, dat de kwaliteit der wor-
telen te Dordrecht evenals de kwaliteit op \'t half om half
bemeste bedje de beste was, ook hadden die \'t minst gelegen
van de luis, waardoor al de wortelen te Dordrecht zeer ge-
plaagd zijn geweest.
Door den heer K. Bothof Je. te Dordrecht werd eene
proef genomen op 20 planten Blad-BegonicCs (Begonia\'s Rex),
op 20 April in potten gezet, gevuld met 3 deelen bladaarde,
1 deel ouden koemest, 1 deel duinzand, en die allen even
gunstig in de gematigde kas geplaatst werden; tien er van
werden met gewoon water, waarin niets opgelost was gewor-
den, begoten, de andere 10 van begin Mei af, om de 8 dagen,
met water waarin Va gram bloemenmest merk „Flora" op
1 Liter opgelost was geworden.
6 Juni weinig verschil in groei waar te nemen
28 „ goed „ „ „ „ „ „
3 Augustus de bemeste planten de andere ver vooruit.
19 September „ „
           „ overtreffen ver de onbemeste
in forschen groei, grootte der bladen en bloemstengels en
fijne teekening der kleuren.
Door den heer J. Rloppert te Dordrecht een proef met
-ocr page 15-
13
10 planten Adianthum, 10 Pteris op een zelfde dag opgepot
in bladaarde, molm uit wilgeboomen en grof zand, en op een
tablet in de kas geplaatst. Op 15 Mei 1 Juni en 15 Juni en
vervolgens tot November om de 8 dagen, zijn 5 Adianthums
en 5 Pteris begoten met water, waarin 1 gram bloemenmest
„Flora" op 1 Liter water was opgelost. Na de tweede keer
was reeds bet verscbil in groei goed waar te nemen, en dit
werd van week tot week grooter. In Oetober waren de bemeste
planten ruim 2 maal grooter dan de onbemeste en ook de
bladen veel sterker en donkerder van kleur. De proefnemer
heeft later nog opgemerkt dat de bemeste planten eerder
onderhevig waren aan schimmelen.
De heer H. Keuk te Dordrecht een proef met 20 Pelar-
gonium zonale
in potten van 12 c.M. in 8/t veengrond, Vs ver-
teerden paardenmest en V» koemest en zand, geplaatst in eene
lage kas; 10 er van zijn van begin Juni tot einde September
om de 8 dagen begoten met water, waarin 1 gram bloemen-
mest „Flora" op 1 Liter water was opgelost. In den beginne
waren de bemeste planten de andore veel voor, de randen in
de bladen waren veel helderder gekleurd en de bloemtuilen
grooter. Later werd dat verschil in kleur en groote der bladen
en bloemtuilen minder, maar de groei der bemeste planten
bleef toch aanmerkelijk sterker.
De heer J. C. Muyen te Dordrecht een proef met 24
Knol-Begonias in potten met bladaarde, verteerden paarden-
mest en zand, geplaatst op een rabat voor een perzikenmuur
op het zuiden. Van begin Juni tot half September, zijn eens
per week 12 planten er van begoten met bloemenmest „Flora",
van te voren opgelost in water in de verhouding van 1 gram
op 1 Liter water. Reeds na de eerste begieting was verschil
waar te nemen en dit is voortdurend zoo gebleven, zoodat ten
slotte de bemeste planten de onbemeste ver overtroffen in groei
en rijken bloei.
De heer C. Kwast te Dordrecht nam een proef op zand-
achtigen kleigrond op 10 vruchtdragende pyramide Peeren
in 5 variëteiten, 10 dito Appelen in 5 variëteiten, 40 vrucht-
-ocr page 16-
14
dragende roode AalbessenstruiJcen en 40 dito Kruisbessen (Win-
hanvs industry); van alles werd de helft bemest, de andere
helft niet, en wel:
5 pyr. poeren in 5 variëteiten | beslaande elk ongeveer 4 M-.opper-
5 „ appelen „5 „ \\ vlakte grouds met (voor elke pyr.)
28 gram salpeterzure kali
72 „ phosporzure ,,
60 ,, zwavelzure ammoniak,
en 20 aalbessen- en 20 kruisbessenstruiken (elke struik besloeg
ongeveer 1 M2.) voor eiken struik.
7 gram salpeterzure kali
18 ,. phosphorzure „
15 „ zwavelzure ammoniak.
Deze meststoffen op 9 Mei 1894, (nadat de grond eerst
was losgespit) er over gestrooid en oudergekakt.
Op 13 Juni eene overbemesting met bloemenmest merk
„Flora", 1 gram op 1 Liter water opgelost en 6 Liter op eiken
M2. uitgegoten. Hoewel het plan was die overbemesting te
herhalen is zulks achterwege gebleven, omdat de overvloedige
regens eene begieting niet toelieten. — De kruisbessenstruiken
hebben tegen den tijd dat de vruchten rijp werden veel geleden
door |_het kaalvreten der larven, die veel in de kruisbessen
voorkomen, waarop enkele heete dagen gevolgd zijn en toen
vele vruchten vóór zij geheel rijp waren afgevallen zijn, dit
was bij bemeste en onbemeste even erg. De andere boomen
zijn door geen insecten geplaagd geweest. Noch bij de pyra-
micde appelen en peeren, noch bij de aalbessen, noch bij de
kruisbessen is eenig noemenswaardig verschil waar te nemen
geweest tusschen bemeste en onbemeste boomen, zoo min in
groei als in kwantiteit of kwaliteit of grootte der vruchten.
De commissie van controle heeft ook de proefnemingen
bij genoemde 5 heeren op de reeds genoemde datums bezocht.
De Afdeeling Nijmegen en Omstreken nam verschillende
proeven, alle op de kweokerij van den heer J. Loenbn, war-
moezier te Hees bij Nijmegen, gelegen op het Zuid-Oosten;
ten lo. op Eliabarberplanten in 1893 geplant in zwarten
-ocr page 17-
15
vruchtbaren tuingrond op 7 veldjes ieder 1 x 11 Meter groot,
bemest als volgt:
a.  No. 1 met beendermeel (stikstof en phosphorzuur).
.. 2 .. superphosphaat(phospuorzuur inwateroplosbaar)
„ 3 „ zwavelzure ammoniak (stikstof in de vorm van
ammoniak).
,. 4 .. Thomasphosphaat (pbosphorzuur in mineraal-
zuur oplosbaar).
„ 5 „ Chilisalpeter (stikstof in de vorm van sal-
peterzuur).
,. 6 „ roet.
,, 7 „ privaatmest.
Gedurende den groeitijd waren de planten op No. 4, 5,
6 uitnemend, No. 1 middelmatig, de andere zonder verschil.
Van April tot 15 Juli is van allen gesneden.
Zoowel de qualiteit als kwaliteit van No. 4, 5 en 6 was
puik te noemen, No. 1 middelmatig, overigens geen verschil;
ten 2o. op Knolsélderij op 3 Juni geplant in zwarten
tuingrond op 8 veldjes, ieder 1x5 Meter groot, bemest als
volgt (op elk veldje circa 2 Liter).
b.  No. 1 met Chilisalpeter.
„ 2 „ zwavelzure ammoniak.
„ 3 „ Thomasphosphaat.
„ 4 „ beendermeel.
„ 5 „ superphosphaat.
„ 6 „ beendermeel en zwavelzure ammoniak.
„ 7 „ superphosphaat en Chilisalpeter.
„ 8 „ Chilisalpeter en Thomasphosphaat.
De meststoffen zijn ondergespit. In Juli stonden de plan-
ten zeer mooi en hielden zich in de groeiperiode best. In
November, December is geoogst. Van de veldjes No. 2 en 5
kwamen de beste knollen. Daarop volgde No. 6, de overige
middelmatig, No. 3 was slecht;
N.B. Het is opvallend dat men in de proeven a, b. c. d, e. f. in liet gehee
geen kali heeft toegepast dat toch een zeer onmisbaar plantenvoedsel is
vóóral op zwarten tuingrond.
-ocr page 18-
16
ten 3o. op Snijboonen op zwarten tuingrond, waarop het
voorgaande jaar kool was geteeld en gemest geweest in 1893
met varkens- en paardenmest, vijf veldjes elk 14 x 4 Meter;
c. No. 1 met Chilisalpeter.
„ 2 „ zwavelzure ammoniak.
,. 3 .. superphospliaat.
„ 4 met beendermeel.
,. 5 ,, Thomaspkosphaat
De meststoffen zijn ondergespit, de opkomst was goed,
de verdere groei minder goed door invloed van koude en regen.
In Augustus en September geoogst. J)e beste uitkomsten gaven
de veldjes No. 4, daarna No. 3, — middelmatig No. 1 en 2,
slecht No. 5. Bij 4 waren boonen van 25 c.M. lengte;
ten 4o. op 5 leiboomen dubbele zure Morellen met een
vlucht van 3.50 Meter, staande tegen een muur aan den
Noordkant in zwarten tuingrond, die geregeld gespit en goed
gemest is geworden met stalmest:
(1. No. 1 werd bemest met zwavelzure ammoniak.
,. 2 ,,         „ „ Thomaspkosphaat.
„ 3 „         „ „ Chilisalpeter.
„ 4 „         „ „ beendermeel.
,, 5 „         „ „ superphospliaat,
bij eiken boom 1 Liter, drie maal toegediend als vloeimest in
Mei, Juni, Juli kwaliteit en kwantiteit der vruchten waren
niet best. No. I was 7 dagen vroeger rijp dan de andere, gaf
den besten oogst en is buitengewoon gegroeid, bladeren donker
groen gekleurd, daarop volgde No. 3. bij de andere geen ver-
schil ;
ten 5o. op 5 leiboomen Eierpruimen, van 4 Meter vlucht,
geplaatst tegen een muur op het zuiden, het vorige jaar met
stalmest was bemest geweest:
e. No. 1 werd bemest met zwavelzure ammoniak.
„ 2 „         „ „ Thomasphosphaat.
„ 3 „ „ „ Chilisalpeter.
„ 4 „ „ „ beendermeel.
„ 5 „ „ „ superphosphaat,
-ocr page 19-
17
elke boom nagenoeg 1 Liter in Juni ondergespit. Van No. 5
waren de vrucliten 10 dagen vroeger rijp, No. 4 gaf de grootste
vruchten, No 2 de meeste vruchten;
ten 6o. op 5 leiboomen Montagne Perziken van 4 Meter
vlucht, geplaatst tegen een muur op het zuiden, het vorige
jaar met stalmest bemest:
ƒ No. 1 werd bemost met superphosphaat.
„ 2 „ „ „ beendermeel.
„ 3 „
         „ „ Chilisalpeter.
„ 4 „         „ „ Thomasphosphaat.
„ 5 „ „ „ zwavelzure ammoniak,
elke boom nagenoeg 1 Liter, om de 14 dagen als vloeimost
toegediend. No. 2 gaf 15 Augustus rijpe vruchten, de overigen
6 dagen later. Kwaliteit en kwantiteit der vruchten was gering,
volgens de controle-commissie toe te schrijven aan te veel
toedienen van kunstmest, waarom zij aanraadt met het gebruik
van kunstmest bij perzikboomen zeer omzichtig te zijn.
Door den heer C. Blankensteijn, tuinbaas op Spaarn-
hout te Heemstede, is een proef genomen op Bozen, Knol-
BegonicCs
en Chrysanthemums.
25 Rozenstruiken, geplant in zwarten tuingrond, werden
op 17 April bemest met 2 kilo phosphaatmeel (?) en 2 kilo
Chilisalpeter.
10 Chrysanthemums in potten, bemest met 1 kilo been-
dercnmeel in Mei en Juni.
40 Knol-Begonia\'s geplant in Augustus en gelijktijdig
bemest met 2 kilo blocmenmest.
De proofnemer deelt niets mede omtrent de toediening
der verschillende meststoffen, ook niet of hot oude (groote)
of jonge planten waren, die bemest werden en niet welken
blocmenmest voor de Knol-Begonia\'s gebruikt werd. Alleen
zegt hij omtrent de Struikrozen en Chrysanthemums geen
opmerkingen te hebben en de Knol-Begonia\'s voortreffelijk
groeiden en schoon bloeiden.
De heer Phn,. Hbnkel, bloemist te Hilversum, nam de
volgende proeven.
-ocr page 20-
18
Ten 1°. op Knól-BegonicCs, geplant in bladaarde, 6 ramen
van 2 M3. elk.
No. 1 bemest met 500 gram Thomasphosphaatmeel, groei
gedrongen, bloei zeer rijk, gewicht der drooge knollen 1250 gr.
No. 2 bemest met 500 gram kippenmest, groei en bloei
gewoon, gewicht 1100 gr.
No. 3 bemest mot 100 gram phosphorzure kali, groei
flink, bloei rijk, gewicht 1050 gr.
No. 4 bemest met 100 gram bloemenmest, groei wcol-
dcrig, bloei gewoon, gewicht 900 gr.
No. 5 bemest met 100 gram zwavelzure ammoniak,
groei gewoon, bloei slecht, gewicht 950 gr.
No. 6 niet bemest, groei gewoon, bloei gewoon, gewicht
950 gr.
De meststoffen waren door de aarde gemengd voor het
uitplanten, de planten voor alle ramen even sterk, bebando-
ling voor allo dezelfde, gedurende den zomer alle ramen
herhaald met gier begoten.
Ramen 1, 2 en 3 in dezelfe volgorde, meest uitmun-
tende in bloei, ook in gewicht der drooge knollen.
Ten 2de, 1 raam Cyclamen persicum, eenmaal per week
begoten met bloemenmest 1 a 2 gram op 1 Liter water
opgelost, muntte uit verre boven de niet met die meststof
begoten planten.
Ten 3de, op 2 vakken beplant met vaste planten (op
elk vak dezelfde) en elk 10 M3 groot. Het eene vak werd
bemest met 200 gram bloemenmest, het andere bleef onbemest.
Geen noemenswaard verschil op te merken. Wij vestigen de
aandacht op deze verhouding 200 gr. op 10 M- dus 2 K.G.
op 100 M2 ongeveer do helft te gering. (Zie achter)-
Verder nog verschillende planten herhaaldelijk met bloc-
menmest 1 a 2 gram op 1 Liter water opgelost, begoten, is
den proefnemer gebleken geen uitkomsten te geven bij achter-
lij ke jonge plantjes, als Cyclamen zaailingen, Knol-Bcgonia
zaailingen en vooijaarsplanten.
Een bed niet Victoria Violieren in de koude kas uitge-
-ocr page 21-
19
plant, groot 15 M3 en gedurende Februari tot Mei uitsluitend
met bloemennicst 1 a 2 gram op 1 Liter water begoten, gaf
de kolossale opbrengst van 8000 langstelige blocmtakken.
Gaan wij nu, waar het mogelijk is, de uitkomsten met
elkander vergelijken, dan zien wij dat te Groningen, waar
de proefnemers dezelfde meststoffen, al was het dan ook in
oenigzins andere verhouding, èn op verschillende gronden èn
met de teelt van verschillende artikelen (met uitzondering
van kool bij de heeron Quixtes en de Waard) nog al uit-
cenloopendc resultaten verkregen. De heeren Fiet en de Waard
schrijven dit toe aan te late aanwending der meststoffen, zoo-
dat zij niet voldoende konden uitwerken, de heer Quintus
daarentegen zegt de kunstmeststoffen werken snel (sic).
Do heer Fiet had op Knól-BegonicCs met de door hem
aangewende meststoffen op zijn bloembed geen resultaat. De
heer Muyen te Dordt en de Heer Henkel te Hilversum met
de door hen gebruikte stoffen, de eerste uitstekende, de tweede
gedeeltelijk goede uitkomsten. — Bij den heer Quintus behaalde
de door hem gebruikte meststof bij de teelt van wortelen do
overwinning op den stalmest. Op het proefveld te Dordt de
bemesting met half kunstmest en half stalmest en een ver-
schil van 1 bos, tusschen bemesting met enkel stalmest en
enkel kunstmest, terwijl op het proefveld\' te Zwijndrecht hot
verschil in opbrengst tusschen enkel stalmest en half om half
slechts 1 bos was, in \'t voordeel van het laatste en enkel
kunstmest 2 bos minder gaf dan enkel stalmest.
Bij den heer Quintus stond de kool met kunstmest in
den aanvang beter en groeide vlugger, hoewel die mot stal-
mest dat later weer inhaalde ; toch was do kool op kunstmest
eerder goed om gesneden te worden, niet zoo groot, maar
muntte uit door vastheid ; terwijl bij den hoer de Waard de
kool op het onbemestc land èn in aantal èn in gewicht per
kool, slechts weinig onderdeed voor die op volledigen kunst-
mest geteeld, terwijl die op stalmest geteeld het in alle op-
zichten moest afleggen tegen de onbemesto en de kool op het
proefland to Dordrecht met de daar aangewende stoffen de
-ocr page 22-
20
beste resultaten gaf waar half kunstmest, half stalmest gebruikt
was.
Opmerkelijk is het verschil in uitkomsten op de proef-
vclden te Dordt en Zwijndrecht, waar voor dezelfde producten
precies dezelfde stoffen en hoeveelheden gebruikt werden op
gronden, die weinig mot elkaar verschillen. Van de uien winnen
te Dordt die op kunstmest het, te Zwijndrecht die op half om
half, en die op stalmest nog weer van die op kunstmest. Van
de wortelen zijn te Dordt en te Zwijndrecht die op half om
half het beste, maar te Dordt is het verschil tusschen deze
en die op enkel stalmest en enkel kunstmest veel grooter dan
te Zivijndrecht. Van de suikerboonen te Dordt geen noemens-
waardig verschil in do 4 rijen, te Zwijndrecht spannen die
op enkel kunstmest en enkel stalmest mot een verschil van
een half kilo de kroon, die op half om half lVs kilo minder,
op onbemest weder 3 kilo minder. Andijvie te Dordrecht en
Zwijndrecht dezelfde uitkomsten.
De proeven te Dordrecht op Blad-Begonia\'s, Varens,
Pelargonium Zpnale en Knol-Begonia\'s geven, met aanwending
van dezelfde meststof (bloemenmest „Flora") op dezelfde
wijze toegediend met eenig verschil in de hoeveelheid, voor alle
planten in potten gekweekt zeer goede uitkomsten. De proef-
nemingen te Dordrecht op vruchtboomen (Appelen, Peren,
Aal- en Kruisbessen) geven hoegenaamd geen uitkomsten, die
te Hees bij Nijmegen op vruchtboomen (Morellen, Pruimen en
Perziken) integendeel wel.
En nu de conclusie uit de verschillende proefnemingen
te trekken. Uit al het voorgaande is reeds gebleken dat dit
niet gemakkelijk zal ziju. Vrij zeker mag men aannemen, dat
de vele regens en het ongunstige koude weer van grooten
invloed zijn geweest op de uitwerking der kunstmeststoffen,
zoowel als op die van den stalmest.
De heeren Fiet en de Waaed te Groningen wonschen
dan ook zelf geen conclusie te trekken en het is ook beter
de uitkomsten nauwkeurig na te gaan zonder een bepaald
oordeel uit te spreken. De proef met erwten op kunstmest
-ocr page 23-
21
door den lieer Quintus aangewend gaf, wat opbrengst der
erwten aangaat, geen gewenscht resultaat; de wortelen ivel,
de knolrapen wocr niet.
Uit de proefnemingen te Dordrecht en Ztvijndrecht met
uien, wortelen, snikerboonen, kool en krootcn is geen juiste
conclusie te trekken; hier is liet voordeel aan don kant van
den kunstmest, daar van den stalmest, daar weer als die te
zauicn gebruikt zijn, hoewel in de meeste gevallen de aan-
wending van half stalmest en half kunstmest de beste resul-
tatcn gaf.
Het gebruik van bloemenmest merk „Flora*\', te voren
opgelost in de verhouding van 1 gram op 1 Liter water en
daarmede om de 8 a 14 dagen de planten begoten, geeft
uitstekende uitkomsten bij de teelt van Blad-Begonia\'s, Varens,
Pelargonium Zonale en Knol-Bogonia\'s in potten, is de con-
clusie te trekken uit de proefnemingen te Dordrecht.
Het gebruik van Tlioiuasphosphaat, Chilisalpeter of roet
bij Ehabarberplanten, van zwavelzure ammoniak of super-
phosphaat bij knolseldery, van boenderenmeel bij snijbooncn,
van zwavelzure ammoniak bij morellen, van superphosphaat
of becndercnmeel bij pruimen en van boenderenmeel bij perziken
schijnt in elk geval aanbevelenswaard te zijn, voor zoover
dit uit de proeven te Hees bij Nijmegen is gebleken. (*)
Uit do proeven te Hilversum genomen blijkt dat het
gebruik van Thomasphosphaatmeel of van phospborzure kali
bij Knol-Begonia\'s ook goede resultaten geven kan, en dat
het gebruik van den reeds genoemden bloemenmest in de
verhouding van 1 a 2 gram op 1 Liter water opgelost, eenmaal
per week, ook zeer goede uitkomsten gaf bij Cyclamen pcr-
sicum, violieren en verschillende andere planten.
Alles bij elkaar genomen blijkt ten duidelijkste de wen-
schelijkheid dat de proefnemingen voortgezet worden, maar
dat proeven genomen moeten worden Diet door in \'t wilde te
probeeren met dezen of genen kunstmest, maar met het gebruik
van zooveel mogelijk volledige mengsels, waarin aan de plan"
(*) Zie het voorivoord.
-ocr page 24-
22
ten gegeven wordt wat voor dit of dat geslacht het nood-
zakelijkste is.
Vergelijkende proeven verdienen steeds de voorkeur en
nauwkeurige aantcekening van de juiste gebruikte hoeveelheid
der meststoffen, de wijze van toediening en hoc dikwijls, is
een eerste vercischte bij het nemen der proeven, \'t Komt aan
do Commissie voor, dat niet door allo procfnemers in \'t oog
is gehouden, dat proefnemingen door toediening van de cono
of andere kunstmeststof slechts eone betrekkelijk zeer geringe
waarde hebben, wanneer dezo kunstmeststoffen niet de ver-
schillende voedingsstoffen in de behoorlijke verhouding bevat.
*t Mag bekend worden ondersteld, dat Prof. P. Wagner,
Directeur van een Proefstation te Darmstadt, in zijne brochure:
,,Die Anwendung Künstlichcr Düngcmittcl im Obst und
Gemüsebau in der Blumcn-und Gartenkultur, (Eene vrije ver-
taling (van?) verscheen in \'t Nederlandsen, uitgegeven van
wege de Maatschappij tot verkoop van Hulpmest-
stoffen in Nederland en Koloniën,)
(f) voor Ooft en
Groentcculturen de verhouding heeft aangegeven (bl. 30) van
14 % Phosphorzuur,
20 % Kali,
12 % Stikstof,
en wel 5 KG. op 100 M2. Dezelfde verhouding wordt ook
voor gazons en vrije grondcultuur aanbevolen. Voor potge-
wasson stelt Wagner, op grond zijner proeven, de verhouding
als volgt, (bl. 34).
12 % Phosphorzuur,
19 % Kali,
17 % Stikstof.
Do eerste verhouding werd verkregen door phosphorzurc
ammoniak 1) te vermengen met salpeterzure kali 2) en dit
mengsel met gelijke doelen salpeterzure natron (of Ohilisalpeter)
3) en zwavelzure ammoniak. Het tweede mengsel wordt bereid
(f) Wordt ook kosteloos verspreid door genoemde Maatschappij.
1) bevat 7"/o stikstof en 43"/o oplosbaar phosphorzuur,
* 2) bevat lS\'/aVo stikstof en 44% kali.
3) bevat 15—] P>o/0 stikstof.
-ocr page 25-
23
uit salpctcrzurc ammoniak 4), salpotorzurc kali 2) en phos-
phorzuro ammoniak 5).
Wij mogen er op wijzen, dat het gewenscht is aan deze
verhoudingen zooveel mogelijk nabij te komen, eensdeels omdat
dit naar ons voorkomt goedkooper is, omdat men allicht van
de duurste meststof (stikstof n. 1.) te veel geeft, maar vooral
omdat het gebeuren kan dat de neven bestanddeelen van do
kunstmeststoffen, wanneer zij in groote hoeveelheden in den
bodem worden gebracht of door herhaalde bemesting van
denzelfdcn aard zich in den bodem ophoopen, onder omstan-
digheden zeer nadeclig kunnen werken; dikwerf kunnen de
weinig gunstige uitkomsten van bemestingsproeven verklaard
worden door eene aldus onoordeelkundige bemesting.
Nog eene andere opmerking mogen wij niet onthouden.
Er worden o. a. in den handel gebracht volledige mengsels,
geheeten „Bloemenmest", (Flora III) met 12% stikstof, 16%
phosphorzuur en 20% kali (Dordrecht) en Alberts Universal
Gartendiinger
met 16% phosphorzuur, 20% kali en 13% stik-
stof, dus mengsels van ongeveer gelijke samenstelling. Alsmede
Garten und Blumendiïnger van dezelfde firma H. & E. Albert
in Biebrich a. R. met 13% phosphorzuur, 11% kali en 13%
stikstof, waarvan de samenstelling dus ook al weinig afwijkt.
Maakt men een mengsel van phosphorzure kali (met
34% oplosbaar phosphorzuur en 28% kali) en salpeterzure kali
(kali-salpeter) (met 13% stikstof en 44% kali) half om half,
dan krijgt men eene gemengde kunstmeststof met 17% oplos-
baar phosphorzuur, 35% kali en 7% stikstof, die voor het
bemesten van gazons zeer kan worden aanbevolen.
Wagnee beveelt aan met dit mengsel de gazons ongeveer
midden Februari te bestrooien, ongeveer 5 KG. per 130 M2.
en dan van af April alle zes weken met l5 K.G. per 100 M2.
nastrooien.
Wie van de bovenvermelde zouten de oplossingen in
water gebruikt, dient tevens te vermelden welke sterkte hij
4)  bevat 20°,\'0 stikstof.
5)   bevat ongeveer 35°/0 stikstof,
-ocr page 26-
24
aan de oplossing heeft gegeven. Wanneer cene oplossing van
5 gram op 1 Liter of 10C0 gram water, mag nimmer over-
schreden worden: in \'t algemeen is 2 gram op de Liter vol-
doende.
Bovendien zal het wel geen betoog behoeven, dat proeven
alleen dan mogen geacht worden waarde te hebben, indien
zij vergelijkend worden genomen en naast proeven, met kunst-
meststoffen van bepaalde on volledig omschreven samenstelling
en aangegeven gebruikte hoeveelheden, met dezelfde soort
planten
proeven worden genomen zonder kunstmeststoffen en
met andere meststoffen (stalmest enz.). Door enkele proefnemers
werd dit streng in het oog gehouden en indien zij volgens
hetzelfde stelsel regelmatig nog een paar jaren doorgaan, zullen
de uitkomsten voor hen zelve en hunne medeleden zeer lecr-
zaam zijn. Ook de resultaten bij het oogsten moeten door
wegen, meten of tellen nauwkeurig opgenomen worden, waarbij
dan tevens gelet moet worden op den tijd, waarop geoogst
kan worden en de kwaliteit van het gekweekte product, op
eventueele insectenschade enz.
De proeven op niet te kleine schaal te nemen en op niet
te veel verschillende planten, door een persoon, verdient tevens
aanbeveling.
Ten slotte nog een woord van dank aan de Maatschappij
tot Verkoop van Hulpmeststoffen in Nederland en Koloniën te Dor-
drecht, voor de gratis toezending der benoodigde kunstmeststoffen
aan proefnemers, aan degenen, die de proeven genomen hebben en
aan de leden der Commissie van controle, voor \'t door hen ver-
richte werk in \'t belang van den Tuinbouw.
De Commissie uit het Hoofdbestuur,
iv.(j. Db. J. Th. Cattie.
w.g. J. de Waard Sb.
w.g. C. Kwast, Rapporteur.
-ocr page 27-
Van wege de „Maatschappij tot Verkoop van Hulpmest-
stoffen" zjjn mede uitgegeven, en worden op franco aanvrage
gratis toegezonden:
a.  Theorie en Practijk der bemesting, eeae populaire
handleiding ten dienste van den Nederlandschen
Landbouw.
b.  De aanwending van Kunstmeststoffen in tuinen
en boomgaarden en op kas- en kamer-
planten. Vry naar het Duitsch
van Prof. Dr.
Paul Wagner.
c.  De bemesting der Indische tabaksgronden, met
een voorwoord van Dr A..M. PRINS, Rijkslandbouw-
leeraar te Deventer.
d.  De bemesting der Koffletuinen.
e.  Thomasslakkenmeel en het oordeelkundig ge-
bruik daarvan.
/. Benige wetenswaardigheden voor Landgebruikers.
g. Welke nijn de uitkomsten der proeven omtrent
de behoefte, der suikerbieten aan stikstof,
phosphorxuur en kali? Voordracht
van. Prof.
Dr. HELLRD3GEL-BERNBURG.
en Verschillende vlugschriften over het verbruik van:
BLOEMEN- en GAZONMESTV SUPERPHQSPHAATGIPS,
BORDEAÜSCHE PAP, BASISCH PHOSPHORZURE KALK\'.
-ocr page 28-
*
BEKEOOND MET:
Herediploma, 22 Eerste prijzen, IS Bestuurs& 5 Tweede prijzen,.
Maatschappij tot Verkoop vanHulpmeststoffen
IN NEDERLAND EN KOLONIËN,
Gevestigd te ROTTERDAM en DORDRECHT.
Correspondentie uitsluitend nuar Dordrecht te richten.
Leveranciers voor Rijksproefvelden en andere Rijksinrichtingen
VOLLEDIG ADRES voor:
Stikstof, Phosphorzuur, Kali, Magnesia en Kalk-
houdende Hulpmeststoffen ten dienste van den
INHEEMSCHEN en KOLONIALEN LANDBOUW.
SpccialikU „ (ificiïla^iaMenmccf
Echtheid, Phosphoezüue en Fijnmeel gewaarborgd.
ailéIbtïbeoop
van scheikundig zuivere, hoog geconcentreerde MeststoSèa voor
OOFT en GROENTENTEELT, TUIGBOUW en BLOEMISTERIJ
„LANDBOUWKALK".
Superphosphaatgips
tot bewaring en verbetering der STALMEST.
„BASISCH PHOSPHORZÜRE KALK" als Veevoeder.
Sproeimiddelen tegen Aardappelziekte
en daarvoor benoodigde SPROEIMACHINES.
Samengesteld NICOTINE ZWAVELPOEDER tot vernietiging v. insecten, enz.
en daarvoor benoodigde Hij.1ASH ll.UK\\.
IJÜJECTEUR GOJÜIJÜ
toestel tot het verdrijven der KOPEKWORM, KITNAALD enz.
KOSTELOOS ONDERZOEK
der Hnlpmeststoffen aan de Rijkslandbouwproefstations, mits strikt
wordt gehouden aan de voorgeschreven bepalingen.
Telegram-Adres : „HULPMEST» - Dordrecht.
Bell-Telephoon : 169 — 170 — 194 — Dordrecht
in Inter-commiinaalverkeer.