-ocr page 1-
/nm 1/5^             fyjQff.z.sl.
REGLEMENT
BETREFFENDE
DE VERPLEGING IN DE DUCDNESSEK-INRICHTING
TE
UTRECHT.
-ocr page 2-
-ocr page 3-
REGLEMENT
TE pTRECHT.
Het Christelijk beginsel der Inrichting, dat der
dienende liefde om Christus wil, ter verlichting
van geestelijke en lic hamel ij k e ellende, wordt
door de Diaconessen in de behandeling van, en
het verkeer met de zieken betracht.
Art. i.
Aan het hoofd van de ziekenverpleging in de Diaconessen-
inrichting staat de Besturende Zuster; aan hare voorschriften
onderwerpen zich allen, die in de Inrichting werkzaam zijn,
of daarin voortdurend of tijdelijk verblijf houden.
Art. 2.
De Besturende Zuster regelt met de geneesheeren de op-
neming, plaatsing, verpleging en het ontslag van zieken.
Art. 3.
De geneesheer, die verandering noodig acht in de wijze
waarop zijn patiënt verpleegd wordt, richt zich daartoe uit-
sluitend tot de Besturende Zuster.
-ocr page 4-
\')
Art. 4.
De Geneesheer draagt aan eene zuster geen anderen arbeid
op, dan die haar door de Besturende Zuster is aangewezen.
Art. 5.
De geneesheer, die eene operatie noodig acht, stelt daartoe
dag en uur vast in overleg met de Besturende Zuster.
Art. 6.
De Besturende Zuster zorgt voor de correspondentie over
de opgenomen zieken, en laat zich daarin niet over hun ziekte-
toestand uit, dan na overleg met den geneesheer, die den
zieke behandelt.
Art. 7.
De Besturende Zuster regelt de plaatsing en de uitzending
van de zusters.
ART. 8.
In de Inrichting worden zieken opgenomen van beiderlei
geslacht, van eiken leeftijd, eiken stand, en elke gods-
dienstige gezindheid; lijders aan krankzinnigheid worden niet
opgenomen.
Art. 9.
Elke aanvraag tot het opnemen van een zieke wordt gericht
tot de Besturende Zuster; hetzij deze aanvraag mondeling,
hetzij schriftelijk geschiedt, wordt eene geneeskundige ver-
klaring vereischt of de ziekte al dan niet van besmettelijken
-ocr page 5-
aard is; deze verklaring behelst tevens het verzoek om of
door een der geneesheeren aan de Inrichting verbonden, ot
door een ander, met name te noemen, geneesheer te worden
behandeld.
Indien een geneesheer bijzondere opmerkingen betreffende
de verpleging van een zieke gewenscht acht, richt hij zich
met gesloten brief tot de Besturende Zuster.
Art. io.
De zieken kunnen behandeld worden door den geneesheer,
dien zij verkiezen, en ontvangen van dezen zijne rekening.
Voor hen, die wenschen behandeld te worden door een
der aan de Inrichting verbonden geneesheeren, is het genees-
en heelkundig honorarium voor de IV", en in sommige gevallen
voor de IIIe klasse onder de verpleegkosten begrepen.
De kosten voor het gebruik der operatiekamer worden den
zieken in de Ie en IIe klasse afzonderlijk in rekening gebracht.
Art. ii.
De verpleegkosten bedragen:
In de afdeeling voor vrouwen:
lc klasse. . . j g. * f O. \\                     ) naarmate van de kamer,
IIe „ . . . - 3.---- Il - t.séf I                     { d;e gebruikt wordt.
J             J* r \\ per dag \'
UI\' „ .... 2.— /
IV° „ . . . - i.-
In de afdeeling voor mannen:
Ie klasse. . . f § .— 4 ƒ 6.— )                     f naarmate van de kamer,
k die gebruikt wordt.
per dag \'
II" „ . . . - 3-—i/J*
III" „ ...- I.50
-ocr page 6-
4
In de afdecling voor kinderen: f 0.60 a f 1.50 per dag.
I&aeerHeëH-eH-armbesturen \'betalen vocrrhitfme"-verpJeegd«i
f-0.60 perrrag.
Art. 12.
Onder de verpleegkosten genoemd in artikel 11 zijn niet
begrepen de kosten van bewassching, het gebruik van wijn
\' en verbandmiddelen, alsmede de kosten tot vergoeding van
schade door de verpleging aan de Inrichting toegebracht;
deze kosten worden den zieke afzonderlijk in rekening gebracht. )
ÏSo-c^ ölo- V^Z/e. —\' A-J~ Qt-Js^L-^H \'t/O.— ///* ac\'*~;-~-«-----
/            7 i
Art. 13.                             \'                4 i
Behoeftigen voor wie de verpleegkosten niet door wees- 1V
of armbesturen of door anderen zijn gewaarborgd, worden,
7
indien de geldmiddelen der Inrichting dit toelaten, kosteloos 1 ?
verpleegd.                                                                                                            n! >>
In de IV klasse zijn enkele vrijbedden.                                  , J ^
Art. 14.                                              "^R
. 1*
Indien een patiënt slechts een gedeelte van een dag in de^
Inrichting verpleegd wordt, betaalt hij daarvoor een bedrag 1 3
tot hoogstens / 25.—. Hieronder zijn alle kosten van verblijf n .
en verpleging begrepen, behalve het genees- of heelkundig j £
honorarium.                                                                                        2 «^
Art. 15.                                                 ,s
i i
De betaling van de verpleegkosten, genoemd in artikel II, ^ ^
geschiedt telkens voor 14 dagen vooruit. Bij vertrek of J
overlijden binnen dit tijdsverloop, wordt het betaalde terug-
gegeven voor zoovele dagen als er geen verpleging plaats had. ^
M
-ocr page 7-
5
Art. 16.
De zieken in de Ic, IIe en III* klasse moeten voor vier
weken voorzien zijn van ondergoed, dat goed in orde en
duidelijk gemerkt zijn moet; die in de IVe klasse worden,
zoo noodig, voorzien van kleederen van de Inrichting.
Art. 17.
De geneesheer, die een zieke behandelt, bezoekt den lijder
in den regel des voormiddags. Doen zich verschijnselen voor,
waarbij geneeskundige hulp of raad vereischt worden, dan
wordt die geneesheer zoo spoedig mogelijk gewaarschuwd;
intusschen neemt de diacones, die aan het hoofd der afdeeling
staat waar de zieke verpleegd wordt, onverwijld en zooveel
doenlijk in overleg met de Besturende Zuster, de noodige
maatregelen.
Art. 18.
De zieken, die geen afzonderlijke kamer verlangen, worden
bij hunne opneming, indien noodig, in eene afzonderlijke
kamer door den geneesheer onderzocht, en daarna in een der
afdeelingen overgeplaatst.
Lijders aan besmettelijke ziekten worden geïsoleerd.
Art. 19.
De zieken mogen met toestemming van den geneesheer
en van de Besturende Zuster bezoeken ontvangen tusschen
2 en 4 uur des namiddags; die in de Ic en IIe klasse dagelijks,
die in de IIIe en IVe klasse alleen op Dinsdag en Vrijdag,
tenzij de bezoekers van buiten komen.
-ocr page 8-
6
Niet meer dan twee personen worden tegelijk bij een zieke
toegelaten.
De Besturende Zuster bepaalt den duur van elk bezoek.
Omtrent de bepalingen van dit artikel kunnen met toestem-
ming van de Besturende Zuster uitzonderingen worden gemaakt.
Art. 20.
Het is den zieken geoorloofd uit te gaan wanneer de ge-
neesheer daartegen geen bezwaar heeft, doch niet zonder
toestemming van, en bepaling van den duur der afwezigheid
door de Besturende Zuster.
Art. 21.
In de afdeeling voor kinderen worden zieke jongens slechts
tot den aanvang van hun zevende jaar opgenomen; oudere
jongens in de afdeeling voor mannen.
Art. 22.
Zieken van beiderlei geslacht, die niet in de Inrichting
worden opgenomen, kunnen zich op vaste dagen en uren
kosteloos voor geneeskundige hulp aanmelden; zij betalen
slechts eenige tegemoetkoming voor de kosten van genees-
en verbandmiddelen.
Art. 23.
De in artikel 22 bedoelde kostelooze genees- en heel-
kundige behandeling omvat inwendige ziekten, oog-, oor-,
neus- en keelziekten, zenuwziekten en vrouwenziekten.
In deze regeling wordt geen wijziging gebracht dan na
overleg met de Besturende Zuster en de geneesheeren, die
deze behandeling leiden.
-ocr page 9-
7
Art. 24.
Oude en zwakke dames kunnen in het Rusthuis (het
verblijf der niet meer in dienst zijnde diaconessen) worden
opgenomen tegen vergoeding van f 1000.— per jaar; hieronder
is alles begrepen behalve bewassching.
Art. 25.
Bejaarde vrouwen kunnen in het verzorgingshuis Bethaniè\'
worden opgenomen voor ƒ 7.50 per week.
Voor het gebruik van een vrije kamer wordt per week
f 3.— meer betaald; voor extra bediening daarenboven/2.—.
Onder deze prijzen zijn ook de kosten van de wasch
begrepen.
Art. 26.
Bij overlijden van verpleegden zijn de betrekkingen of de
besturen op wier aanvraag de opneming geschiedde, gehouden
ten spoedigste voor de begrafenis te zorgen, en de kosten
daarvan te dragen.
Art. 27.
Voor inwoners van Utrecht is de Inrichting te bezichtigen
eiken Woensdag tusschen 2 en 4 uur des namiddags.
Aan personen van elders is dit behalve des Zondags ook
op andere dagen vergund.
Voor elk bezoek moet de toestemming der Besturende
Zuster zijn verkregen.
-ocr page 10-
8
Art. 28.
Ieder verpleegde, die gegronde reden meent te hebben zich
over personen of toestanden in de Inrichting te beklagen,
wendt zich tot de Besturende Zuster of tot het Bestuur.
Aldus vastgesteld door het Bestuur der Diaconessen-Inrichting
te Utrecht, den 22 December 1897.
J. C. VERHOEFF.
G. H. L. VAN BOETZELAER.
M. A. ADRIANI.
J. HOOFT GRAAFLAND.
-ocr page 11-
Verder bestaat er aan de Inrichting gelegenheid tot kos-
teloo/.e consultatie van:
Dr. VAX DEK WUI.IDH ui iwii i—wM—r
iUfjmHMADS, -Arts, voor Inwendige Ziekten:
DINSDAG, DONDERDAG en ZATERDAG,
des namiddags te 2 uur. Aan melding van half 2 tot 2 uur.
Ingang Diaconessenstraat.
»r. VAN LELYVELD, voor Uitwendige Ziekten:
DINSDAG- en VRIJDAGMIDDAG te 2 uur.
Aanmelding vóór 2 uur. Ingang Hoek Bijlhouwerstraat.
Bij plotselinge ongevallen voor uitwendige ziekten
dagelijks \'s morgens van io—12 uur.
den Heer I. AMISERTS, Arts, voor Zcuuwziekten :
DINSDAGMIDDAG te 3 uur. ZATERDAGMORGEN te 10 uur
Aanmelding vóór 3 uur.
             Aanmelding vóór 10 uur.
Ingang hoek Bij lhou werstraat.
ISr. PLANTENQA, voor Oogziekten:
MAANDAG-, WOENSDAG- en VRIJDAGMORGEN
van 11—12 uur.
Aanmelding vóór 11 uur. Ingang hoek Bülhouwerstraat.
Prof. Dr. ZWAARDEMAKER
en den Heer TAN
HOEK, Arts, voor Keel-, Oor-
en Neusziekteu:
MAANDAG-, WOENSDAG- en V—WMM*G te 3 uur.
Aanmelding vóór 3 uur. Ingang hoek Bijlhouwerstraat.
den Heer FBEBIK8, Arts, voor Vrouwenziekten:
DINSDAG- en VRIJDAGMORGEN te 9 uur. Aanmelding
vóór 9 uur. Ingang hoek Bn\'lhouwerstraat.
-ocr page 12-
Diaconussen-Inrichting te Utrecht.
De aan de Inrichting verbonden geneesheeren zijn:
Dr. A. J. VAN DER WEIJDE voor Geneeskunde
— en —
Dp. L. P. VAN LELYVELD voor Heelkunde.