-ocr page 1-
/& Hff,W, Ia- \\IU _^ _ a^^^ ^ „u
A P P O E T mm "tez
E
VAN DE
COMMISSIE
IN ZAKE HET
KANDELSONDERWIJ
IN
3XTE3I33E3n.31--A.Krr>.
Electrische drukkerij Firma I. Oppenheim, Groningen.
-
/
-ocr page 2-
■4. *■•\'"• \'
8
nfj\'.if\'.Cif
:4ofes«i
?®a
-ocr page 3-
t /(eJex/anJ.ic/it* <- \'/(aa/Ai/iappü iet
6<?ao.ï<)cu\'ng oafi
< /Cüaeineia.
O/j </ew IHden ./W/i icS\'ÖS ontvingen de heeren Dr. J.
H. H. HOlsmann, G. Salomonson Hz>\\, H. A. van
Beunixgex, Dr. D. de Loos en Armand Sassen de uit-
noodiging eene commissie te vormen welke tot taak zoude
hebben dan Uw College voorstellen te doen ter bevordering
van Handclsonderioijs. Hun werd daarbij de bevoegdheid
gegeven andere, leden en vertegenwoordigers van verschillende
vereenigingen in de Commissie op te nemen.
De heer Sassen zag zich door zijne vele iverkzaamheden
genoopt voor het lidmaatschap te bedanken. In November
1898 constitueerde de Commissie zich als volgt:
Voorzitter: de heer
H. A. van Beüningen.
Rapporteur: „ „ Dr. ü. de Loos.
Leden:
          „ „ Dr. H. LTssel de Schepper.
„ „ G. Salomonson Hzn.
„ „ Dr. J. H. H. Hülsmaxn.
„ D. de Groot.
„ ., W. C. de Graaff (vertegenwoordi-
ger van den Nationa/eu Bond van
Handels- en Kantoorbedienden in
Nederland).
„
J. G. Ch. Volmer (vertegenivoor-
diger van het Nederlandsen Insti-
tuut van Accountants).
-ocr page 4-
2
Leden:          de heer K. A. Wabmenhoven Jr. (vertegen-
waardiger van de Vereeniging van
Handelsbedienden „Mercurius\'\'\').
„ „ Dr. A. Pekelharing.
De vereenigingen „Het Buitenland", „Hou en Trouw",
alsmede de „ Vereeniging tot bevordering van Fabrieks- en
Handwerksn ijverheid in Nederland" hadden te kennen gegeven
zich in de Commissie niet te zullen doen vertegenwoordigen.
De Commissie heeft de eer U hierbij aan te bieden het
navolgend rapport, behelzende de beschouwingen waartoe zij
aanleiding heeft gevonden, alsmede de voorstellen, welke zij
meent aan uw college te moeten doen. Voorzooveel een
harer leden zich met een dezer Voorstellen niet heeft kunnen
vereenigen, heeft hij in eene afzonderlijke Xota van zijne
afwykende zienswijze blijk gegeven.
De Commissie :
H. A. van Beuningen.
Voorzitter.
D. de Loos.
Rapporteur.
-ocr page 5-
RAPPORT.
I.
Allereerst worde hier vermeld dat de Commissie
heeft nagegaan, welke inrichtingen in Nederland ge-
heel voor het handelsondcrwijs zijn bestemd of ten
deele daaraan dienstbaar worden gemaakt.
Zij vervallen in ;! categorieën. Van de eerste maken
deel uit de scholen van middelbaar onderwijs; van de
tweede: inrichtingen, waar op den voet van meer
uitgebreid lager onderwijs vakken tot dit onderwijs
behoorende, onderwezen worden met boekhouden en
handels-correspondentie; tot de derde categorie einde-
lijk moeten worden gerekend de cursussen, onderno-
nien door of van wege den Nationalen Bond van
Handels- en Kantoorbedienden in Nederland, de Ver-
eeniging Mercurius en andere Handelsvereenigingen
of particulieren. De eerste twee categorieën omvatten
openbare en bijzondere scholen.
De hieronder volgende opsomming van in ons va-
tlerland bestaande inrichtingen maakt op volledigheid
geene aanspraak. Hij hare samenstelling heeft de
bedoeling voorgezeten op de meest typische inrich-
tingen de aandacht te vestigen.
A. Openbare scholen van middelbaar onderwijs.
1". Openbare Handelsschool met 2-jarigen cursus en de
-ocr page 6-
4
(Kin deze inrichting verbonden „derde Hoogere Burgerschool
met -i-jarigen cursus voor jongens" te Amsterdam.
Omtrent deze school behoeven naai\' het gevoelen
der Commissie in dit Rapport geene bijzonderheden
te worden medegedeeld.
2°. Hoogere Burgerschool voor jongens met H-jarigen
cursus met daaraan verbonden klasse voor Handel te Rot-
terdam.
Aan deze klasse zijn verbonden, met inbegrip van
den directeur: 11 leeraren. Onderwezen worden: Ne-
derlandsch, Duitsch, Fransch, Engelsch, Aardrijkskunde
en Handelsaardrijkskunde, Geschiedenis en Handels-
geschiedenis, Rekenkunde en Handelstekenen, Boek-
houden, Schoonsehrijven, Staathuishoudkunde, Han-
delsrecht, Natuurkunde en Scheikunde. Het taalonder-
wijs omvat de algemeene en handelscorrespondentie.
De handelsklasse is in 1890 opgericht. Zij telde
achtereenvolgens 0, 13, 9, lï), 17, 15, 17, 10 en 18
leerlingen. Het schoolgeld bedraagt ƒ 80 \'s jaars.
Haar diploma wordt op prijs gesteld: het is voor de
bezitters een stuk van waarde in de toekomst. Vele
vroegere tegenstanders onder de patroons nemen tegen-
woordig bij voorkeur de oud-leerlingen op hunne kan-
toren. Tot dusver is de handelsklasse uitsluitend be-
zocht door jongelieden, die de hoogere burgerschool
met 3-jarigen cursus hebben afgeloopen. De leeraren
hebben allen akten M. O., die voor de vreemde talen
allen A en B.
3°. Nederlandsche school voor Nijverheid en Handel te
Enschedé,
bestaande uit eene h. b. s. met 3-j. c, eene
hundelsafdeeling en eene nijverheidsafdceling. Na den
driejarigen cursus ter algemeene ontwikkeling (Afd. A)
gevolgd te hebben, loopt de studie der leerlingen
uiteen. Zij, die eene fauuZefeopleiding wenschen, zetten
-ocr page 7-
5
hunne studiën voort in Afd. B, waar zij onderwijs
erlangen in: Fraiisch, Engelsen, Duitsch, Boekhouden,
Handelstekenen, Schei-, Aardrijks-, Staathuishoudkunde,
Handelsrecht, Schoonschrijven en Rondschrift, Teeke-
nen en Natuurlijke! historie (handelsproducten). De
Afdccling B is een één-jarige vervolgcursus op de
hoogste klasse van de h. b. s. Ze dient ter opleiding
van hen, die op kantoren, in handelsondernemingen of
administratieve betrekkingen wenschen geplaatst te
worden. Het volgen van alle of enkele lessen wordt
overgelaten aan de keuze van ouders of voogden,
behoudens overleg en overeenstemming met den direc-
teur. Leerlingen, die met goed gevolg eene h. b. s.
niet 3-j. c. of de 3 eerste jaren eener h. b. s. met
5-j. c. doorloopen hebben, worden zonder examen in
Afd. B. toegelaten.
Het taalonderwijs omvat o. m.: handelsterminologie,
het vertalen en stellen van handelsbrieven, markt be-
richten, formulieren enz. Ook spreekoefeningen over
handelsonderwerpen.
Schoolgeld /\' (50 \'s jaars voor volledig onderwijs.
4°\'. Haagere Burgerschool roof jongens met 3-j. c en
daaraan verbonden ufdeeling raar Handel en Administratie
te \'8-Gravenhage.
D<> 3de klasse dezer school is gesplitst in 2 afdee-
lingcn, waarvan de tweede of B-afdeeling bestemd is
voor allen, die het verkrijgen van het diploma van goed
afgelegd eindexamen van die school als hoofddoel be-
schouwen en op een geld- of handelskantoor plaatsing
zoeken of zich willen voorbereiden voor eene adininistra-
tieve betrekking in Nederland of Indie, voor ambtenaar
bij den post- en telegraafdienst, voor ambtenaar bij een
van de departementen van algemeen bestuur enz. In
die afdeeling wordt het onderwijs in Wiskunde groo-
tendeels vervangen door onderwijs in haruMsrekenen,
-ocr page 8-
(i
boekhouden, handelsreeht, handelscoiTespondentie en
rondschrift. Schoolgeld /\' 60 \'s jaars.
5°. Hoogere Burgerschool met H-jarigen cursus te Haar-
hm.
Het onderwijs in do 3de klasse dezer school,
die nauw samenhangt met de h. b. s. met 5-j. c, is
bestemd voor die leerlingen, welke bij hot einde van
het 3de leerjaar de school verlaten en niet het plan
hebben, hunne studie aan eene andere inrichting van
onderwijs voort te zetten. De directeur, de lieer Dr.
H. Brongersma, is van oordeel, dat deze school niet
gelijk staat met eene gewone h. b. s. met 3-jarigen
cursus. Eene eigenlijke hancfcteklossc is die 3de klasse
evenwel niet.
Van de bovenbedoelde scholen behoort nr. 1 tot
de soort, welke men in Duitschland „die höhere Han-
delsschule" noemt.
Alle zijn f/cyscholen.
Vernield wordt hier, dat aan de rijks hoogere bur-
gerschool te Groningen eene handelsafdeeling is ver-
bonden, die reeds sedert vele jaren slechts o]> het
papier bestaat. Het programma is als dat van eene
volledige handelsschool niet 2-j. o.
B. Bijzondere scholen middelbaar onderwijs.
a. Bijzondere Handdschoul van den lieer H. C. P.
Diwks te Amsterdam, waar leerlingen worden toege-
laten na examen of na de opleidingsklasse in dezelfde
inrichting niet voldoenden uitslag te hebben doorloo-
pen. Op de handelsafdeeling (schoolgeld /\' 300) wor-
den onderwezen: Moderne talen en correspondentie.
handelsvakken en handelsreeht , geschiedenis en
aardrijkskunde, stenographie (.Systeem Steger). Dag-
school met advondcursussen voor kantoorbedienden,
-ocr page 9-
7
die hier, bij genoegzame deelneming, gelegenheid vin-
den om Spaansch, Italiaansch en Maleisch te leeren.
b.    Handelsschool M. O. te \'s Gravenhage (J. P. Coen-
straat 43
—45).
Deze school is bestemd voor opleiding tot den han-
del of administratieve betrekkingen.
Aan de school zij» verbonden 3 klassen, welke voor-
bereiden voor de 1ste afdeeling van de Handelsschool.
Het onderwijs wordt gegeven door leeraren uitslui-
tend met akten M. 0. Het omvat: de moderne talen
en de correspondentie, boekhouden, handelsrekenen,
staathuishoudkunde, handelsrecht. warenkennis, ste-
nografic (systeem Stolze) en Spaansch (facultatief),
aardrijkskunde.
De vakken zijn verdeeld over een twee-jarigen cursus
met Afdeelingen A en B.
Om te worden toegelaten tot Afd. B. wordt ver-
eischt elementaire kennis der moderne talen en reken-
kunde.
Een voldoend eindrapport van afd. B geeft toe-
gang tot afd. A, terwijl zij. die de 5de klasse eener
H.B.S. doorloopen hebben, zonder examen in de Afd.
geplaatst kunnen worden.
Bij het einde van eiken cursus heeft een eindexamen
ten overstaan van eene commissie van personen uit
den handel plaats. Zij die zich aan dit eindexamen
onderwerpen, ontvangen een diploma als aanwijzing
in hoeverre zij van het onderwijs geprofiteerd hebben.
De hier bedoelde Handelsschool, waarvan tot 1
Augustus 1897 de heer F. W. Balabréga directeur
was, staat thans onder leiding van de hoeren K. Luit-
jens en F. J. H. de Waay.
Schoolgeld voor externen f 2(K) \'s jaars.
Voor internen: niet opgegeven.
c.    Instituut Augusta, Burgerschool voor jongens, Direc-
teur:
G. H. Demmink te Hilversum, Hooge Naarderweg 23.
-ocr page 10-
8
De programma\'s van de eerste drie klassen dezer
school stemmen overeen niet die van de eerste en
tweede klasse van de H.B.S. en gymnasia en wel zóó,
dat een leerling, die niet goed gevolg doorloopen heeft
de 1ste klasse van Augusta, examen kan doen voor
de 1ste kl., de 2de voor de 2de en de 8de voor de
.\'{de klasse der H.B.S. en even/eer voor examens,
welker programma\'s met bovenstaande overeenkomen.
(Marine-Kadettenschool).
De vierde klasse is de Handelsklasse. Zij heeft een
/«vr-jarigeii cursus. In deze klasse wordt uitsluitend
rekening gehouden met de behoeften van den tegen-
woordigen handel en al wat daarbij behoort. Het Pro-
gramma dezer klasse omvat: boekhouden en han-
dclsrekencn, handelseorrespondentic in. alsmede con-
versatie in en vertalen uit vier talen. Handelsgeogra-
phie, letterkunde en handteekenen.
Schoolgeld: voor de eerste klasse f 150, voor de
tweede f\' 175, voor de derde, en de vierde klasse /\' 200
\'s jaars. Internaat voor leerlingen boven 12 jaren
/■ 1000 \'s jaars.
De handelsklasse staat onder toezicht van de School-
vereeniging te Hilversum.
Om tot de eerste klasse te worden toegelaten moet
men bewijzen het onderwijs op eene lagere school met
vrucht gevolgd te hebben.
C. Inrichtingen — openbare — zich aansluitende
aan het lager onderwijs.
1°. Handehcur&us, opgericht door de gemeente Delft,
geopend op den 14den Februari 18\'.)<S.
Deze handelscursus heeft ten doel eene opleiding
te verschaffen voor hen, die zich voor den handels-
stand bekwamen willen, ongeacht of zij reeds al dan
niet practisch in die richting werkzaam zijn. Buiten
Delft gedomiciliëerden hebben om de lessen te kunnen
-ocr page 11-
9
volgen, vergunning noodig van Burg. en Weth. Aan
het hoofd staat de heer K. ter Laan, tevens hoofd
eener o. 1. school van m. u. 1. o. te Delft. Onderwijs
wordt gegeven in de beginselen der Ned., Fransche,
Engelsche en Hoogduitschc taal, niet toepassing voor
de handelscorrespondentie; het rekenen, de beginselen
der handelswetenschappcn, daaronder begrepen het
handelsrecht, boekhouden, handelsrekenen en handels-
aardrijkskunde, de grondbeginselen der Staathuishoud-
kunde en do gronden der Ned. Staatsinstellingen. De
cursus is vierjarig. Schoolgeld per jaar ƒ 20 voor de
klassen I en II en f 30 voor de klassen III en IV,
indien de leerlingen kinderen of pupillen zijn van
ingezetenen van Delft; resp. f 30 en /"40 voor elders
gedoiniciliëerden. De eischen van toelating bepalen
zich tot hetgeen in het zesde leerjaar eener goed inge-
richte gewone lagere school wordt onderwezen. Het
eindexamen wordt in het openbaar afgenomen. Het
onderwijs werd in het winter halfjaar 1808/99 gegeven
\'s morgens van 7l,\'j tot 8V2 en \'s avonds van 8 tot 9.
Thans zijn er nog slechts 3 klassen met resp. 22, 12
en 0 leerlingen.
2°. Herhalingsschool aan de lagere school voor jongens
met uitgebreid leerplan te, Schiedam.
Aan de school met uitgebreid leerplan voor jongens
is verbonden eenc herhalingsschool voor de Fransche-,
Engelsche- en Duitsche taal en het rekenen. Aan de
leerlingen der hoogere klassen wordt door een vak-
onderwijzer onderwijs gegeven in handelsrekenen en
dubbel boekhouden. De cursus is verdeeld over 4 jaren;
de lessen worden gegeven van September tot Juni,
\'s avonds van 7 tot 9 uren. Het onderwijs in talen
wordt over de 4 schooljaren zoo verdeeld, dat de lcer-
lingen na het IVde schooljaar in staat zijn eenvoudige
correspondentie te voeren. Het rekenen omvat het
-ocr page 12-
10
metrieke stelsel, de intrestrekening, de vreemde mun-
ten, maten en gewichten. Het handelsrekenen bepaalt
zich tot disconto-rekening, koersrekening en handels-
usantiën. Het onderricht in boekhouden strekt zich
uit tot de algemeene kennis van het dubbel boek-
houden. Leerlingen worden kosteloos geplaatst, als
zij kinderen of pupillen zijn van ingezetenen, en wan-
neer de candidaat — en zoo deze in leven zijn
ook zijne ouders, onvermogend zijn.
3". Te Rotterdam bestaat voor jongens wier ouders
of verzorgers geen hoog schoolgeld kunnen betalen.
gelegenheid zich voor „het kantoor" voor te bereiden
o]) de openbare gemeente scholen van m. u. I. o. derde
klasse, waarvan het leerplan de moderne talen omvat.
In Juni 189S is door de hoofden dier scholen, de
heeren A. L. Bartelds, J. Hannik en J. Vellenga
eene circulaire tot de chefs van handelskantoren te
Rotterdam gericht, waarin zij er op aandringen, dat
als regel wordt; aangenomen geen leerling van hunne
scholen als jongste bediende aan te stellen, die niet,
blijkens zijne schoolrapporten, tot het einde der Vde
klasse is gekomen of den leeftijd van 15 jaren heeft
bereikt. Door een dezer hoofden is nader bericht,
dat in 1898 van zijne school minder kinderen tusschen-
tijds zijn weggegaan, 20 °/o minder dan het gemiddelde
cijfer over 1891/97. De chefs van kantoren vragen
méér om inlichtingen. De pi. comm. v. toez. op het
1. o. zal in haar jaarverslag de zaak behandelen.
4°. Tc Winschoten is in 1890 of 1897 door de
„Handclsvereeniging" eene school opgericht onder den
naam „Handelsschool". Zij werd gehuisvest in een
der openbare schoolgebouwen voor lager onderwijs,
tegen betaling aan de gemeente van eene kleine ver-
goeding voor verwarming en verlichting der lokalen.
-ocr page 13-
11
De school bleek geene levensvatbaarheid te bezitten.
Op een verzoek van de Vereeniging aan den Gemeente-
raad om er ecne gemeente-instelling van te maken,
is afwijzend beschikt en in 1898 heeft de school haar
kortstondig bestaan geëindigd.
Bijzondere inrichtingen, zich aansluitende aan het
lager onderwijs.
a.     Instituut Esmeyer te Rotterdam:
Deze inrichting uitsluitend voor jongeheeren, stelt
zich ten doel aan de eisenen van die ouders of voog-
den te voldoen, die voor hunne zoons of pupillen eene
degelijke! maatschappelijke opleiding op Christel ijken
grondslag verlangen. Zij is gesplitst in twee afdeelin-
gen A en B en eene examen klasse. Afdeeling A geeft
o. in. voorbereiding voor afdeeling B, welke bestaande
uit -4, zoo noodig 5 klassen van 12 (18) tot 17 (18)
jaren, tracht in de vierde (vijfde) klasse meer in het
bijzonder rekening te houden met de behoeften van
den handel. Schoolgeld f 200 p.a. Men raadplege
verder het bij het prospectus behoorend leerplan voor
afdeeling B.
b.     Instituut „van der Velde", Westeinde 1-i Amster-
dam.
Afdeeling handelsschool met 3-jarigen cursus.
Na den 3-jarigen cursus te hebben gevolgd, zijn
volgens het Prospectus de leerlingen met de noodige
kennis toegerust oin op handelskantoren werkzaam
te zijn. Tot de eerste klasse der handelsschool wor-
den, na onderzoek, leerlingen toegelaten, wat aanleg
en ontwikkeling betreft, in staat het onderwijs aan
deze school te volgen. Minder gevorderde leerlingen
vinden in eene voorbereidende klasse gelegenheid om
zich voor het onderwijs op de handelsschool te be-
kwamen. Het onderwijs—handelsschool omvat: Ned.,
Eng., Duitsch, Fransch, aardrijkskunde, geschiede-
nis, wiskunde, sclioonschrijven, handelsrekcnen, de
usances van den handel, zijne administratie en zijne
-ocr page 14-
12
■terminologie, handelsformulicren, boekhouden, han-
dolsaardrijkskunde, wissel-, effecten- en goederen-
handel en arbitrage, assurantie- en vervoerwezen,
Dubbel of Ital. boekhouden, ook toegepast op ven-
nootschappen, de Rekening-Courant, Handels- en bur-
gerlijk Recht, staatsinrichting van Nederland ca., be-
ginselen van staatshuishoudkunde en handelsstatistiek,
stenographie, warenkennis en typewriting. In de
voorbereidende klasse bedraagt het schoolgeld /\' 150,
in de handelsschool /\' 200 per jaar. Internaat voor
een beperkt aantal leerlingen /\' 80Ü per jaar.
c. lhuuhhklmsv, verbonden aan de jongensschool van
het Departement Breda der Maatschappij tot Nut van
\'t Algemeen.
Tot deze school worden toegelaten jongelieden, die
overgegaan zijn van de 1ste tot de 2de kl. der H.B.S.,
van de 7de tot de 8ste klasse der Departementale
school, ol\' die een adniissie-exainen afleggen. De
leerlingen der Dep. school zijn, als zij de handels-
klasse volgen, vrijgesteld van de door den handel
minder noodige vakken en ontvangen \'s avonds van
(5 8 uur les in de handelsvakken. De cursus loopt
over 2 jaren en sluit aan bij de 8ste en Ode kl. der
Dep. school.
Ook niet-leerlingen dezer school kunnen de han-
delsklasse volgen. Na eindexamen wordt een diploma
uitgereikt. Gedoceerd worden: boekhouden, handels-
rekenen. Nedeiiandschc correspondentie (rekening
houdende met het boekhouden), Fransche, Duitsche
en Engelsche handelscorrespondentie, schoonschrijven,
handelsaardrijkskunde.
Het schoolgeld bedraagt per jaar voor bet vol-
ledig onderwijs: voor leerlingen der jongensschool
f 00, voor niet-leerlingen f 80, voor enkele lessen per
lesuur /\' 10. Voor leerlingen, die niet alle lessen der
jongensschool bijwonen wegens het volgen van het
-ocr page 15-
13
onderwijs der handelsklasse, wordt liet voor de jon-
gensschool verschuldigde schoolgeld met \'/s verminderd.
De heer H. L. Heykoop : „Handclsonderwijs en
Handelsvcreenigingen" (Amsterdam Wilms & Co. 185)7)
vermeldt nog (blz. 19 en 20) als bijzondere inrich-
tingen voor opleiding tot den handel of voor de open-
bare handelsschool te Amsterdam: die van de heeren
J. M. Hagenbeek te Deventer, P. J. Treffers te Oostcr-
hout
en J. D. Douw te Rotterdam, welke zich bepalen
tot opleiding voor de school of eene handelsklasse met
1 jarigen cursus hebben.
De Marnix-stichting te Utrecht heeft aan hare bur-
gerschool (afdeeling jongens), die thans onder de
leiding staat van den heer E. Nijland, eene handels-
klasse met 3-jaiïgcn cursus verbonden.
Avondcursussen.
Te Utrecht bestaat eene uit twee Afdeelingen de
eene voor aanvangers, de andere voor meergevorder-
den - samengestelde inrichting voor avondonderwijs,
gesticht door eenige leeraren der gemeente h.b.s.
Onderwezen worden Nederlandsch, Fransch, Engelsch
en Duitsch, handelsaardrijkskunde, boekhouden, han-
delscorrespondentie. Deze avondschool ligt, wat de
leeraren aangaat, op het gebied van M. O.; wat den
omvang en den aard van het onderwijs betreft, op
dat van L. O.
Avondcursus tot opleiding voor examens, gevestigd in het
gebouw voor den Werkenden Stand te Amsterdam.
Op-
geleid wordt aldaar o. m. voor het examen als leer-
ling-klerk der Holl. IJzeren Spw. Mij., surnumerair
bij de Mij. tot Expl. v. S. S., leerling Rijkspostspaar-
bank, leerling bij den Rijkstelephoondienst, klerk bij
de Posterijen en Telegraphie, klerk ter gemeente-se-
-ocr page 16-
14
cretarie, Boekhouder bij den Nationalen Bond van
Handels- en Kantoorbedienden in Nederland en de
Verecniging van leeraren in liet Boekhouden, als cor-
respondent in de Ned., Fransche, Duitsche of Engelsche
taal. Ook voor het examen voor de Stenographie.
De cursus loopt van 1 Septembre tot 31 Augustus.
De examenvakken voor Boekhouden zijn: Boekhou-
den, Handelsrekenen en Handelsrecht. Duur dei-
opleiding 2 jaar. Aantal lesuren per week 3. Les-
geld f 10 per 3 maanden.
Het onderwijs in de Handels-correspondentie in de 4
talen bedraagt voor elke taal 2 lesuren per week,
waarvan 1 uur grammaticaal onderwijs. De lessen
zijn zoo geregeld, dat men na 2 jaren een der examens
in de Handels-correspondentie van de Vereeniging
Vooruit ot\' de Vereeniging van Leeraren kan afleggen.
Er bestaat mede gelegenheid tot het volgen van
onderwijs in enkele vakken, ook Schoonschrijven.
De inrichting staat onder leiding van de heeren E. J.
van Det en F. L. Ossenjjori\'. Het schijnt dat men
van dezen cursus wil maken eene soort van Muster-
Comptoir, gelijk dat van Pigier te Parijs, en dat de
kosten zeer hoog zijn omdat een blijvend stel leeraren
noodig is voor den komenden en gaanden man.
Onderwijsinrichting der Hundehbedienden- Vereeniging
„Kennis is Macht" te Leiden.
Het doel van deze Vereeniging is blijkens art. 2
harer statuten: de bevordering van algemeene kennis
onder hare leden; het verschaffen van gelegenheid tot
beoefening der handelswetenschappen en wat daar-
mede in verband staat; en het handhaven en bevor-
deren van de belangen harer leden en die van han-
delsbedienden in het bijzonder. Zij tracht dit doel
o. m. te bereiken door het doen geven van onderwijs
in de Ned. taal, moderne talen, boekhouden, handels-
-ocr page 17-
15
rekenen, handelsrecht, handelsaardrijkskunde, steno-
graphie enz. en het uitreiken van diploma\'s aan hen,
die blijken geven van niet vrucht een of ander han-
delsvak te hebben beoefend. Hare school is avond-
school, verdeeld in 2 afdeelingen: A. voor leerlingen
van 13 tot 1(5 jaren; B. voor ouderen. De Afdeeling A
telde in het einde van 1808 43 en B. 74 leerlingen. Op
afd. A wordt gedoceerd: Nederlandsen (verdeeld in 2
klassen) Fransch, Engelsen en Duitsch (verdeeld in 3
klassen). Rekenen (verdeeld in 2 klassen). Op B wordt,
behalve in de evengenoemde vakken, onderwijs gegeven
in Boekhouden (2 klassen), Handelslekenen (1 klasse),
Handelsrecht, Handelsaardrijkskundc, Stenographie enz.
In deze afd. is aan het Nederlandsch eene 3de klasse
en aan de 3 moderne talen eene 4de klasse (applicatie-
klassen) toegevoegd, die men moet afgcloopcn hebben,
alvorens te worden toegelaten tot het examen ter
verkrijging van het eind-diploma voor eene taal. Aan
elke klasse wordt gedurende een jaar één uur per
week les gegeven. Het schooljaar loopt van 1 Sep-
tember tot 31 Augustus. Alle nieuwe leerlingen zijn
verplicht een examen af te leggen in het Nederlandsch,
waarna wordt beslist of zij van het volgen dezer les-
sen vrijgesteld kunnen worden, dan wel in de 1ste of
2de klasse moeten worden opgenomen. Aan leerlin-
gen, die de hoogste klasse voor eenig vak afgeloopen
hebben, kan na afgelegd eind-examen een diploma voor
dat vak uitgereikt worden tegen betaling van f 5. De
vereeniging stelt ook personen, die aan den cursus
geen deel genomen hebben, in de gelegenheid een
diploma te verwerven tegen examengeld van f 5 en
tegen betaling van f 10 voor diploma. Het school-
geld bedraagt voor 1 en 2 talen f 12, voor 3 en 4
talen f 1(5 por jaar en wordt verhoogd met f 4 voor
het deelnemen aan eene applicatie-klasse.
Rekenen f 6; Stenographie f 10; Boekhouden met
-ocr page 18-
16
Handelsrekenen 1ste kl. f 12, 2de kl. /\' 10 por jaar,
Boekhouden mot Handelsrekenen en Handelsrecht
/\' 20 per jaar. Blijkens het jaarverslag over 1807
werden bij het begin van hot cursusjaar 1890,\'07 on
aan het einde hiervan de lessen der afd. A bezocht
duur:
2 kl. Ned. 3 kl. Fransch, 2 kl. Duitsch 2 kl. Eng.
begin 47
                      42                      23                  16
einde 30                      29                      16                   7
En afd. B.
3 kl. Ned. 3 kl. Fr. 3 kl. Duitsch 3 kl. Eng. 2 kl. Boekh.
begin 42
            22              28                94                18
einde 22            20              13                17                10
Na 1 Sopt. 1897 zijn aangevangen een cursus in
\'t rekenen en een in stenographio.
De verslaggever klaagt over het verloopcn dor klas-
son, wat het vormen van applicatie-klassen en daarmee
tevens het behalen van diploma\'s zeer tegenwerkt.
Cursussen van wegc de Vereeniging van Handelsbedienden
„Mercurius"
te Rotterdam.
Deze vereeniging, die onder andere ten doel heeft:
het verschaften van gelegenheid tot beoefening der
handelswctenschappen en wat daarmede in verband
staat, tracht dit gedeelte van haar doel te bereiken
door het openen van cursussen in verschillende studie-
vakken voor den handel en hot uitreiken van diploma\'s
aan hen, die blijken geven van met vrucht een of
ander handelsvak te hebben beoefend. De betrokken
handelswctenschappen zijn: boekhouden, handolsroke-
nen, handelsrecht, staathuishoudkunde, warenkennis,
handels-aardrijkskundc, correspondentie in de moderne
talen, stenographio enz. Het lidmaatschap der ver-
eeniging geeft bevoegdheid tot deelneming aan de
cursussen. (Alleen personen boven 18 jaar kunnen
-ocr page 19-
17
lid zijn; de contributie varieert jaarlijks of wordt al-
thans jaarlijks opnieuw vastgesteld).
Op 1 November 1897 waren er te Rotterdam 30
cursussen met te zamen 144 leerlingen, waaronder
1 cursus voor de Spoansche taal met 4 élèves.
Zoons, broeders en aangenomen kinderen van leden,
alsook zoons van overleden leden, mits reeds op han-
delskantoren werkzaam, boven 1(5 en beneden 18 jaren,
mogen door de leden op de cursussen worden ge-
plaatst.
De kosten van het onderwijs worden door de deel-
nemers onderling betaald.
Het lidmaatschap schenkt voorts de gelegenheid om
op voordeelige wijze deel te nemen aan de Examens.
De Vereeniging verstrekt aan handelsbedienden, leden
ot\' niet-leden, te Rotterdam of elders gevestigd, diplo-
ma\'s van bekwaamheid in handelsvakken. De examen-
commissien worden door het Hoofdbestuur benoemd.
Examengeld ten hoogste ƒ5 voor elk vak afzonderlijk.
De bekwaam gebleken candidaat ontvangt het Diploma
der Vereeniging
voor f 6 als hij lid en voor f 10 als
hij geen lid is.
Voor het examen in het Boekhouden zijn de ver-
eischten:
de kennis van het enkel- en van het dubbel-boek-
houden; van de berekeningen, die bij het inschrijven
der boeken te pas komen; van de administratieve in-
richting van commerciëcle en financièelc Instellingen,
van het Wetboek van Koophandel en het Burg. Wet-
bock, voor zoover dit laïitste op den handel en de
administratie betrekking heeft en de voornaamste han-
delsformulieren.
De vereischten voor de examens in de handelscor-
respondentie in de 4 talen zijn: voldoende taalkennis,
een goede briefstijl en algemeene handelskennis.
-ocr page 20-
18
Geëxamineerd zijn in de voor- en najaars-examens
1897/98:
Candidatcn voor boekhouden 22G, geslaagd 84.
„
               „ Eng. corresp. 70,         „ 27.
„               „ Duitsche „ 41, „ 12.
„               „ Fransche „ 28,         „          9.
r Nederl. „ 4, „           1. «)
Gedurende 1897/98 hebben 39 cursussen geloopen
met gemiddeld 192 leerlingen.
Het onderwijs wordt des ochtends en des avonds
verstrekt. Er zijn thans 0 onderwijzers, waarvan zij die
de „correspondentie" doceeren, meest allen gediplo-
ineerdc correspondenten der Verecniging zijn. Voor
boekhouden en handelsonderwijs zijn 3 leeraren. Thans
loepen ei- 25 cursussen niet gemiddeld 230 leerlingen
te zanien. Ook Spaansch en Italiaansch worden tegen-
woordig beoefend.
Mercurius geeft ook cursussen te \'s-Gravenhage Am-
sterdam en Delft. 2)
\') Blijkens liet jaarverslag, opgenomen in „Mercurius" van
11 Maart 1899 zijn in 1898 de cijfers rasp- geweest:
233 en 7!»
(50 on 40
41 en 27
19 en 9
3 en 3.
2) Blijkens het jaarverslag hebben gedurende 1898 99 te
Rotterdam de volgende cursussen geloopen:
1 in de Fransche taal met gem. (5 leerlingen
(5 „ „ Engelsche „ „ „ 25 „
5 „ „ Duitsche „ „ „ 14
        „
1   „ „ Spaansche „ „ „ 3 „
2   „ „ Fransche correspondentie met gein. 8 leerlingen
8 „ „ Engelsche
             „                „ „ 44 „
0 „ „ Duitsche               „                „ „ 28        „
7 „ het Boekhouden                         „ „ 38        „ ,
tezamen 36 cursussen met gemiddeld lfifi leerlingen.
Het Boekjaar is gesloten met 24 cursussen en 104 leerlingen.
-ocr page 21-
19
Cursussen van icege den Nationalen Bond van Handels-
en Kantoorbedienden in Nederland.
De Bond, opgericht in 18ï)7, stelt zich ten doel de
verheffing van den stand en de verbetering dor po-
sitie van de hardels- en kantoorbedienden. Tot berei-
king van dit doel heeft hij in verschillende gemeenten
van Nederland cursussen opgericht, welke den jonge-
lieden de gelegenheid geven om voor weinig geld
goed onderwijs te genieten van leeraren, in het bezit
van akten M. 0.
Te Amsterdam doet de Bond cursussen geven in de
handelscorrespondentie, in Engelsch en Duitsch, onder
de leiding van de heeren G. J. Voortman en B. J.
ten Brugge, leeraren aan de openbare handelsschool
aldaar. Deze cursussen zijn op academische wijze in-
gericht. Voorts zijn er cursussen voor eerstbeginnen-
den. alsmede voor meergevorderden in Engelsch en
Duitsch, handelscorrespondentie, boekhouden, staathuis-
houdkunde, stenographie en Russisch. Wijders zijn
van wege den Bond cursussen opgericht te Alkmaar,
Arnhem, Delft, Deventer, Gouda, \'s-Gravenhage, Gro-
ningen, Leeuwarden, Maastricht, Nijmegen, Snoek,
Utrecht en Zutphen: cursussen voor boekhouden te
Almelo, Breda, \'s-Hertogcnbosch en Vlissingen; voor
stenoyraphie te Middelburg en Rozendaal; voor boek-
honden
en handelscorrespondentie te Enschede.
Omtrent den cursus te Groningen wordt hier modegc-
deeld, dat deze is eene lcergelcgenheid met 2 klassen
voor boekhouden, handelsrckenen en handelsrecht
met 2 onderwijzers, van wie één in het bezit is van
de akten midd. ond. K 12 en Q en de andere
van de akte K 12. De gemeente heeft kosteloos 2
lokalen van eene o. 1. school in gebruik afgestaan.
De lessen worden gegeven tweemaal per week \'s avonds
van 8 tot 10 uur. Iedere onderwijzer heeft 4 uren per
week les. Het doel is vóór alles opleiding voor de
-ocr page 22-
20
examens van den Bond. Op liet einde van 1898
waren er 20 leerlingen in de twee klassen. Het leer-
geld bedraagt ƒ 0.25 per kwartaal. De leerlingen
gaan meest allen des daags naar kantoor ot\' winkel
en hebben eene gewone o. 1. school, sommigen de
Herhalingsdagschool, afgeloopen. De onderwijzers zijn
niet ontevreden over den gang van zaken, maar aan-
gezien de cursus eerst in het midden van 1808 tot
stand is gekomen, kan nog geen betrouwbaar oordeel
worden geveld.
Ook de gemeentebesturen van Deventer, Lecuwar-
den, Maastricht en Zutphen hebben gratis schoolloka-
len disponibel gesteld.
Door den Bond wordt twee malen per jaar, in
April en Octobcr, gelegenheid gegeven tot het afleggen
van examens in boekhouden, stenographie en handels-
correspondentie in \'t Nederlandsen, Fransch, Duitsch
en Engelsch. Het bestuur belast bevoegde personen
met het onderzoek naar de bekwaamheid der candida-
ten. Eene commissie, samengesteld uit chefs van
handelshuizen, oefent het toezicht uit. De geslaagde
ontvangt een diploma. Aan het najaarsexamen van
1898 hebben 89 candidaten deelgenomen, van wie 32
geslaagd zijn.
De Vereeniging „Vooruit" te Amsterdam, afdecling
van den Bond. beeft een fonds gesticht, waaruit hulp-
behoevende leden bijdragen ontvangen ter bekostiging
van het bijwonen der cursussen.
Cursussen run wetje de „ Vereeniging van Leeruren in
boekhouden."
Deze in 188.\'} opgerichte Vereeniging doet te Am-
sterdam cursussen geven in boekhouden, moderne
talen, correspondentie en stenographie. In Mei en
November van elk jaar worden examens afgenomen
en diploma\'s uitgereikt. De examencommissie is sa-
-ocr page 23-
21
mengesteld uit bekwame, in den handel werkzame
lieden, en werkt onder controle van chefs van han-
delshuizcn en andere op het gebied van handel en
onderwijs op den voorgrond tredende personen. Blij-
kens ontvangen inlichtingen melden zich vele candida-
ten aan voor het boekhouden, doch weinige voor de
handelscorrespondentie. Tot de cursussen voor de vier
moderne talen worden zonder admissie-examen alleen
toegelaten houders van een diploma van met vol-
doende eindcijfers afgelegd eindexamen van de open-
bare Handelsschool, eene h. b. s. met 5 j. of eene
h. b. s. met 3 j. cursus.
Cursussen tan toege het Instituut van Accountants.
De statuten van het Instituut zijn goedgekeurd bij
kon. besluit van i) April 185)5 nr. 25. Het bestaat
uit leden Jste kl., leden 2de kl. en adsistenten. Tot
adsistenten zijn benoembaar /ij, die een diploma voor
boekhouden bezitten. Deze kunnen deelnemen aan de
cursussen, welke ten doel hebben hen op te leiden
voor het examen van het Instituut, tot hetwelk in den
regel slechts adsistenten worden toegelaten en loopt
over taalkennis (de 3 moderne talen), handelsaardrijks-
kunde, handelsgeschiedenis en accountancy (grondige;
kennis van administratie en handelsrekenen, bekend-
heid met de statistiek, het crediet-, munt- en bank-
wezen, het haudelsrecht, verschillende bepalingen van
het burgerlijk en het strafwetboek en van de burger-
lijke rechtsvordering, alsmede eenige vaardigheid in
het ontwerpen van akten, rapporten en statuten). —
De cxainen-eischcn zijn omschreven in nr. 3 lsten
jaargang van „De Accountant" in „Onze eisenen". -
In het voorjaar van 180(5 zijn te Amsterdam 2 cur-
sussen geopend: 1 in het handelsrecht onder leiding
van Mr. Westermann en 1 in handelsgeschiedenis en
-aardrijkskunde, onder leiding van den heer IJzerman.
-ocr page 24-
22
In October 1895 zou voor de eerste maal het examen
gehouden worden, maar er bleef slechts 1 candidaat
over, die zich terugtrok. Rotterdam verkreeg in 1896
een cursus in het recht, onder leiding van Mr. L. H.
Schenkenberg van Mierop en in handelsaardrijkskiuule
en geschiedenis, onder leiding van den heer J. Hol-
werda. Aan het tweede examen — October 189(5 —
namen 4 candidaten deel, van wie 1 werd afgewezen
en slechts 1 voor het geheele examen slaagde. Het
3de examen — October 1897 — werd afgelegd door
7 candidaten: 4 slaagden.
Op dit oogenblik is te Rotterdam een avond-cursus
voor handelsaardr. en gesch., handels- en burgerlijk
recht en accountancy resp. onder leiding van de hee-
ren J. Holwekda, Mr. Schenkenberg van Mierop en
H. Brugmans Czn., en te Amsterdam een avondcursus
voor accountancy en recht.
Geklaagd wordt over de moeilijkheid om geschikte
docenten te vinden: óf de vereischte algemeene kennis,
öf de noodige practische ervaring ontbreekt. De om-
standigheid dat zich thans verschillende Vereenigingen
met het Handelsonderwijs bezig houden, brengt het
bezwaar teweeg, dat de leerkrachten worden versnip-
perd (ui dat bij het verloopen van klassen aan ver-
scheidene kleine afzonderlijke groepen van leerlingen
op uiteenloopcnde wijzen onderwijs wordt verstrekt.
Centralisatie, of beter: Unificatie, zoude heilzaam zijn,
maar deze is zonder bemoeiing van het Centraal ge-
zag niet te verkrijgen.
II.
Overzicht van hetgeen op het gebied van het Han-
delsonderwijs in luording is.
Als bekend mag worden aangenomen wat in den
-ocr page 25-
28
Utrechtschen gemeenteraad is voorgevallen ter zake
van de stichting cener handelsschool. Tot dusver is
het resultaat, dat daar nu een éénjarige handelscursus
zal komen, verbonden aan de Gein. H. B. S. niet 3 j.
cursus, maar niet in aansluiting met deze.
De eischen van toelating tot deze handelsklasse, die
niet September 1899 geopend zal worden, zijn zooda-
nig gesteld, dat leerlingen, die een 3-jarigen cursus
van middelbaar onderwijs of eene school voor m. u. 1. o.
met 9-jarigen cursus met vrucht bezocht hebben,
daaraan gcrecdelijk kunnen voldoen. Het programma
zal overeenstemmen met dat van de Rotterdainsche
klasse voor handel. Bij het onderwijs in talen zal de
spreekniethode op den voorgrond worden gebracht.
Zij die een diploma van eindexamen der h. b. s. met
3-j. c. bezitten en zij die de eerste 3 klassen van de
h. b. s. met 5-j. c. hebben doorloopen, zullen zonder
admissie examen worden toegelaten.
Voorts valt hier te constateeren, dat de Kamer van
Koophandel en Fabrieken te Groningen in het voorjaar
van 1898 bij den Raad dier gemeente heeft aange-
drongen op organisatie van goed vakonderwijs voor
den handel, en dat haar adres nog in overweging is.
Medegedeeld worde nog, dat te Deventer van wege
Algemeen Belang, eene handelsschool in wording is
en dat te Eindhoven een locaal-comité zich bezig
houdt niet de voorbereiding der stichting van eene
handels-nijvcrheidsschool.
III.
Welke is de regeling waaraan Nederland behoefte
heeft?
-ocr page 26-
24
In het bekende Rapport van de Commissie, inge-
steld door de Maatschappij tot Nut van \'t Algemeen:
„Onderzoek van de werking der wetten op Lager en
Midddelbaar Onderwijs en van haar onderling ver-
band" (Deel II, blz. 20—23, 1876) wordt reeds gecon-
stateerd, dat de behoefte aan eene afzonderlijke oplei-
ding voor den handel in verschillende plaatsen geble-
ken is.
Deze behoefte openbaart zich in drieerlei vorm.
In de eerste plaats behoort zooveel mogelijk in
elke gemeente te worden voorzien in onderwijs voor
hen, die de inferieure rangen op de kantoren zullen
innemen en voor hen die kleinhandelaars willen wor-
den. Voor deze jongelieden dient de gelegenheid te
bestaan om na het doorloopen van de gewone open-
bare of bijzondere lagere school, eene inrichting te
bezoeken waar gelet wordt op de belangen van den
handel en waar dus moderne talen — zooveel immer
doenlijk niet toepassing der spreekmethode - en de
eerste beginselen van handelsrekenen en boekhouden
worden gedoceerd. Een cursus van ten hoogste 3
jaren
          in het laatste jaar het boekhouden! — zal
toereikend zijn. Zooveel mogelijk valt te streven naar
dagonderwijs.
In de tweede plaats is noodig, dat ten behoeve
van hen, die zullen worden de eerste bedienden op
handelskantoren of representanten der Nederlandsche
huizen in het Buitenland, in verschillende gemeenten
worde opgericht: eene inrichting van middelbaar on-
derwijs met een 2-jarigen cursus, aansluitende aan
eene hoogere burgerschool met 3-jarigen cursus of
eene goed georganiseerde lagere school met uitgebreid
leerplan. Natuurlijk moet óok voor deze categorie
blijven bestaan de Amsterdamsche Handelsschool en
zal het goed zijn, dat nog in een paar andere der
-ocr page 27-
•25
grootere gemeenten scholen van datzelfde model wor-
den gesticht.
In de derde plaats zal voor de aanstaande consuls
en hoofden van de groote handelshuizen, eene Han-
delsacademie dienen te worden in het leven geroepen,
hetzij als geheel zelfstandige instelling, hetzij in ver-
binding met eene of meer der bestaande Universi-
teiten.
Bij de nieuwe regeling zei mede moeten worden gelet
op de belangen en behoeften van hen, die thans reeds
handelsbedienden zijn. De gewone burgerjongens met
flinke koppen moeten ook op de lagere gemeentescho-
len de gelegenheid vinden om zich voor te bereiden.
A. Het lager en meer uitgebreid lager onderwijs.
De eigenlijk gezegde lagere school, waar de vakken
a tot en met k van art. 2 der Wet worden onder-
wezen, is uitsluitend een instrument ter verschaffing
van algemeen e ontwikkeling. Deze school kan daarom
voor het handelsonderwijs niet in aanmerking komen.
Anders is het met de school, bedoeld in artikel 17
der Wet: de herhalingsschool, uitgestrekt tot een of
meer der vakken, „vermeld in art. 2 onder letter I-t, al
„zijn die vakken niet begrepen geweest in het genoten
„gewoon schoolonderwijs", alsmede met de school
voor meer uitgebreid lager onderwijs, bedoeld in de
tweede zinsnede van art. 2 der wet. Ten einde deze
scholen geschikt te kunnen doen worden voor hen,
die, in den handel de inferieure rangen zullen gaan
innemen of tot den kleinhandel zullen gaan behooren,
is slechts noodig, dat in de Wet onder letter u in art. 2
worden opgenomen: „boekhouden en beginselen run han-
delskennis".
Immers de gelegenheid tot het onderwij-
zen van eene of meer der 3 moderne talon is reeds
gegeven.
Als nu de Commissie de wenschelijkheid uitspreekt,
-ocr page 28-
2(>
dat op de aangegeven wijze de omvang van het m. u.
1. o. - hetwelk ontegenzeggelijk in de Wet op het
lager onderwijs eene regeling heeft gevonden, al heeft
men het indertijd daaruit willen verbannen, of althans
daarbuiten willen honden — wordt verruimd, dan be-
antwoordt zij hiermede tevens de vraag of: èn de
verbetering èn de uitbreiding van het handelsonder-
wijs tot stand belmoren te worden gebracht door tns-
sehenkomst van de Overheid dan wel aan het particu-
lier initiatief kunnen worden overgelaten? De con-
clusie toch, dat de Wet op het 1. o. eene, en wel de
zooeven geformuleerde, aanvulling noodig heeft, be-
wijst, dat de Commissie van gevoelen is, dat ook de
openbare, dat is de door de Overheid opgerichte en
onderhouden lagere school, eene aan de voorbereiding
voor den handelsstand dienstbare instelling behoort
te zijn. Intusschen blijft bij deze conclusie op den
voorgrond staan, dat voor het particulier initiatief
de pas niet worde afgesneden: integendeel aan de
organisatie van de binnen wettelijke perken vrij zich
bewegende particuliere bemoeiingen alle redelijke be-
staansvoorwaarden worden geschonken. Elk gemeente-
bestuur zal de vraag, of en in welke mate en op
welke wcttiglijke wijze tot het zijneiitwege verschaffen
van openbaar lager handelsonderwijs behoort te woi-
den overgegaan en gezorgd, dat dit doeltreffend zij,
moeten beantwoorden met het oog op de plaatselijke
behoefte, d. w. z. met het oog op de mate waarin
en de wijze waarop het bijzonder lager handelsonderwijs
reeds verstrekt wordt. Zoo min uitsluiting van het
bijzondere, als onthouding van het openbare onder-
wijs, ligt derhalve in het stelsel van de commissie.
Art. 17 der Wet, met zijne merkwaardige termino-
logie („zooveel doenlijk") behoeft geene andere wijzi-
ging te ondergaan, dan dat: „l—t" wordt veranderd
in „l—u". Dan zullen ook scholen voor meer uitge-
-ocr page 29-
27
breid lager onderwijs als de hiervoren genoemde te
Rotterdam (van de hoeren Baktelds, Hannik en Vel-
lenga) alsmede de inrichtingen te Delft en Schiedam
door de opneming van dat nieuwe leervak in \'t leer-
plan, dienstbaar gemaakt kunnen worden aan het
hierboven omschreven doel zonder dat, gelijk thans
het geval is, op openbare of gesubsidieerde bijzondere
lagere scholen onderwijs wordt gegeven in vakken,
niet passende in het kader van de wet, ja, goed be-
schouwd, doordien art. 2 der wet ze niet noemt, na-
drukkelijk buiten dat kader geplaatst.
De door de Commissie gewenschte aanvulling der
Wet zal op practische bezwaren niet behoeven af te
stuiten, nu de wet van 28 December 189G (SIM. nr.
280) waarbij incidenteel in art. 2 als letter r bis de
„beginselen der tuinbouwkundc" zijn ingelascht, het
bewijs levert dat tusschentijdsche, partiëele herziening
op het stuk der onderwijsvakken, de Wetgevende
Macht niet op een vreemd terrein brengt. Een voor-
deel van die aanvulling zal hierin gelegen zijn, dat
zij het instellen van een examen in de beginselen van
de handelskennis noodig zal maken.
Eene andere vraag, nl. of de regeling eene uniforme
moet zijn voor het gehcele land dan wel of acht kan
en moet worden gegeven op plaatselijke omstandig-
heden? vindt mede in de conclusie der Commissie
hare beantwoording. De wet stelle de algemcene re-
gelen, trekke de hoofdlijnen: de plaatselijke overheid
beslisse over practische toepassing der beginselen.
Eene opmerking welke hier ter plaatse dient te
worden gemaakt, is deze dat de Commissie geheel
doordrongen is van de juistheid der in de Algemeene
Vergadering van de Maatschappij te Almelo op den
12den Juni 1898 door den heer Sassen gegeven waar-
schuwing tegen het uit het oog verliezen van de oor-
spronkelijke bedoeling bij het oprichten van lagere en
-ocr page 30-
28
middelbare scholen in het belang der algemeene ont-
wikkeling. D(> regeling, zoo van het lager — als van
het middelbaar handelsondcrwijs, gelijk de Commissie
deze wenschelijk en mogelijk oordeelt, zal naar zij
vertrouwt, het terecht door den heer Sassen aangeduid
bezwaar niet doen rijzen.
13. Middelbaar Onderwijs.
1°. de Burgeravondschool.
Tc Groningen, waar de bnrgeravondschool een drie-
jarigen cursus heeft en aan haar verbonden is eene
avondschool voor ambachtslieden met 2-jarigen cursus
en eene school voor uitgebreid ambachtsonder wijs met
1-jarigen cursus, wordt eenigermate gepoogd de eigen-
lijke burgeravondschool te benuttigen voor opleiding
tot den handelsstand. Zooals zij thans is ingericht,
ontvangen alle leerlingen in de eerste klasse hetzelfde
algemeen ontwikkelend onderwijs waarbij in het oog
wordt gebonden dat deze school vóór alles bestemd is
voor den kleinen burgerstand, geenszins uitsluitend
voor de ambachtslieden. In de 2de en de 8de klasse
worden de jongens verdeeld in twee afdeelingen met
verschillend leerplan: de eene afdeeling bestemd voor
de leerlingen die den weg naar het ambacht willen
inslaan, de andere afdeeling voor de jongens die des
daags op kantoor, winkel of magazijn werkzaam, voor
hen nuttige en passende kundigheden wenschen op te
doen. In deze 2de afdeeling wordt dus gelet op de
behoeften van den handel. Met goed gevolg wordt
reeds sedert een paar jaren voor het handelsrekenen
gewerkt uit een daarvoor zeer geschikt gebleken boekje.
Uit den aard der zaak wordt geen ander taalonderwijs
gegeven dan dat in de beginselen van het Nederlandsen.
De Directeur dezer school, een overtuigd tegenstander
van de opvatting dat de 13. A. S. speciaal voor de
-ocr page 31-
29
ambachtslieden bestaat en geschikt gemaakt behoort
te worden, is van gevoelen dat in de richting, welke
hij heeft weten in te slaan, althans te Groningen,
stellig nuttig kan worden gearbeid en reeds wordt
gewerkt.
De meerderheid der Commissie is van oordcel, dat
de poging, waarop zooeven gedoeld is, niet voor toe-
passing in vele gemeenten vatbaar zal blijken, omdat
ontegenzeggelijk de in de lucht hangende denkbeelden
omtrent reorganisatie van de burgcravondschool zich
in de technische richting bewegen. Terwijl de B. A. S.,
gelijk deze bij eene uitvoering a la lettre van de Wet
dient te zijn, voor het handclsonderwijs niet geschikt
geoordeeld wordt, mag als onbetwistbaar worden aan-
genomen, dat deze Inrichting door wijziging van het
programma der vakken on door splitsing harer klassen
wèl aan dat onderwijs dienstbaar kan en ook moet
worden gemaakt. Naar het gevoelen der meerderheid
van de Commissie dient door de Wet de gelegenheid
te worden opengesteld om de B. A. S. te doen bestaan
uit. eene technische en uit eene /iawcZefeafdeeling, aan
welke laatste dan zullen dienen te worden onderwezen:
Boekhouden, Handelsrckenen, beginselen der Waren-
kennis, der Handelsgeschiedenis en — Aardrijkskunde,
Schoonschi\'ijvcn en zoo mogelijk, behalve het Neder-
landsch, eene of meer Talen. Eene vraag, niet van
belang ontbloot, maar van later orde, blijft: of de
splitsing in de twee af dodingen reeds in de eerste klasse
zal plaats vinden, dan wel of er bifurcatie zal komen
in de 2de klasse.
De Commissie spreekt mitsdien als hare meening
uit, dat de Burgeravondschool, mits gereorganiseerd
in den aangegeven zin, bij de regeling van het Han-
delsondcrwijs betrokken moet worden.
Onafwijsbaar noodig is, dat art. 13 der wet op het
Middelbaar onderwijs dan verandering ondergaat. Daar-
-ocr page 32-
30
latende, dat de „burgerdam/school" uit dit artikel zal
kunnen worden geschrapt, zal uit de omschrijving der
personen voor wie de burgeravondschool bestemd is,
ondubbelzinnig moeten blijken, dat tot deze behooren
de leden van „den kleinen handelsstand."
Aangeteekend wordt hier, dat één lid der Commissie,
wiens gevoelen van verschillende zijden bestrijding
heeft ontmoet, de B. A. S. geheel buiten het Han-
dclsonderwijs-gebied gelaten wil zien, omdat zijns in-
ziens de opleiding voor de inferieure rangen en den
kleinhandel, uitsluitend gegeven behoort te worden
in inrichtingen van lager onderwijs, bij voorkeur uvoud-
scholen.
Voorts worde hier vermeld, dat niet onbesproken
is gebleven het gevaar, dat het tegenwoordig artikel
45 der Wet op het Lager onderwijs de gemeentebesturen
(ook in die plaatsen welker bevolking meer dan tien-
duizend zielen beloopt) weinig gezind zal maken tot
het stichten en instandhouden van op de middelbare
leest geschoeide inrichtingen, zéér geneigd daarentegen
om de scholen zóó te organiseeren dat zij onder de
Wet op het lager onderwijs ressorteeren. Dit punt
mag bij de verdere uitwerking der zaak geenszins
uit het oog verloren worden. Eene doelmatige voor-
ziening, zal onmisbaar zijn, om te voorkomen, dat in
de nieuwe regeling zoo niet eene kiem van ontbin-
ding wordt gelegd, dan toch een belangrijk moment
wordt verwaarloosd tengevolge waarvan die regeling
in tot vruchtbaarheid leidende deugdelijkheid te kort
zoude schieten.
2". de Hoogere. Burgerschool met 3 jarigen cursus.
Thans bestaat in Nederland slechts ééne H. B. S.
met 3-j. cursus, welke een dragelijk voorbeeld oplevert
en wel die te \'s-Gravenhage.
-ocr page 33-
31
Met ingenomenheid wordt hier ter plaatse gewag
gemaakt van het besluit van den gemeenteraad van
Amsterdam van den 19den April jl. om aan cene der
hoogere burgerscholen niet 3jarigen cursus dier ge-
meente van meet af aan eene richting te schenken,
meer dan tot dusver geschikt voor den aanstaanden
kleinen handelaar en kantoorbediende. Ter bereiking
van dit doel zal nu het onderwijs aan de school, welke
staat onder de leiding van den heer Kollewijn, zijn
geschoeid op de volgende leest.
De Euclidische meetkunde vervalt, in hare plaats
treedt vormleer op het gebied der vlakte en in de
ruimte. Van de algebra worden hoofdzakelijk behan-
deld de eerste beginselen, de vergelijkingen van den
eersten graad, vooral oplossing van vraagstukken, de
reeksen en de logarithmen; rekenen vooral met vraag-
stukken uit den handel.
De talen moeten volgens de directe methode worden
onderwezen; in de hoogste klasse wordt handelscor-
respondentie behandeld.
Geschiedenis, aardrijkskunde, natuurlijke historie moe-
ten ook met het oog op den handel worden besproken
en natuur- en scheikunde dienen ter voorbereiding
tot de warenkennis, welke in de 3e klasse hare plaats
vindt.
In de plaats van teekenen treden schoonschrijven
en rondschrift.
Voor gemeenten waar de h. b. s. niet 3 j. cursus
de eenige inrichting van middelbaar c7a</onderwijs is,
kunnen twee wegen worden aanbevolen.
Daar toch zal aan deze school kunnen verbonden
worden eene inrichting, niet liefst twee,jarigen cursus,
speciaal als handelsschool georganiseerd.
Ten andere; kan daar, wanneer de behoefte aan op-
leiding voor den Handel zich naar het oordeel van
-ocr page 34-
32
den gemeenteraad in voldoende mate laat gevoelen,
de hoogste klasse dezer school in ten minste twee
afdcclingcn worden verdeeld en in althans ééne
van deze afdeelingen het onderwijs zóó geregeld wor-
den, dat het beantwoordt aan de cischen, welke eene
behoorlijke voorbereiding voor den Handel stelt.
Intiisschen zal ook ter bereiking van dit doel wijzi-
ging noodig zijn van de wet op het middelbaar onder-
wijs. Immers in artikel 16 zal moeten worden opge-
nonien de letter p van art. 17: „de beginselen der
handelswetenschappen, daaronder die der warenkennis
en het boekhouden."
In eene gemeente waar thans de voor een tijdvak
van 3 jaren bestemde leerstof verdeeld wordt over 4
jaren, zal zeker de toepassing van het vorkstelsel op
de 3de klasse dier school het meest raadzaam zijn.
Ook op het gebied van het Middelbaar onderwijs mag
de beteekenis der locale mogelijkheden en omstan-
digheden niet uit liet oog worden verloren. De rege-
ling zal z\'jó moeten worden gemaakt, dat elke gemeente
de school met 3 j. cursus niet of zonder afzonderlijke
handelsinrichting, binnen de perken der wet, zóó kan
organiseeren als den gemeenteraad in verband met den
plaatselijken toestand mogelijk en het meest in het
belang der zaak zal voorkomen. De commissie is
hierbij van meening, dat waar eene bestaande hoo-
gere burgerschool met 3-j. c. een onmiskenbaar tech-
nisch karakter draagt, en feitelijk is eene copie van
de eerste drie klasssen van de H. B. S. met 5-jarigen
cursus, het aan die school toevoegen van een één- of
tweejarigen handelscursiis bedenkelijk moet heeten
tenzij de hierboven bedoelde splitsing van de hoogste
klasse heeft plaats gevonden. Waar zulk een toestand
zich voordoet, zal het leerplan der H. B. S. met 3-j.
c. zóó dienen te worden gewijzigd, dat het gereedelijk
aansluit bij de cischen welke zullen worden gesteld
-ocr page 35-
33
voor de toelating tot de aan de school te verbinden
handelsklasse.
3". De Hoogere Burgerschool met b-jarigen cursus. De
Commissie schonk voor alles hare aandacht aan liet
van lieverlede zich haan brekend denkbeeld, dat de
overlading van het programma, waarover reeds sinds
vele jaren wordt geklaagd, zal kunnen worden weg-
genomen door reorganisatie van deze school op zoo-
danige wijze, dat hare klassen 1, 2 en 3, meer dan
thans mogelijk is, een afgerond, zelfstandig geheel
vormen en dat de klassen 4 en 5 door verscheiden-
heid van leerstof worden gemaakt tot speciale voor-
bereidingsscholen voor verschillende onderdeelen van
het maatschappelijk leven. Komt zulk cene rcorga-
nisatie tot stand, dan zal tevens de mogelijkheid ge-
geven zijn van goede regeling van het voortgezet
handelsonderwijs: een cursus van twee jaren toch zal
dan daaraan kunnen worden gewijd. In gemeenten,
waar gecne andere inrichting van middelbaar dayon-
derwijs aanwezig is dan cene H. B. S. met 5-j. c, zal
deze moeten worden vervormd tot eene algemeenc
opleidingsschool met 3 klassen en eene technische
alsmede eene handelsschool daaraan vastgeknoopt.
Hiervoor zal noodig zijn dat de vakken in letter }> van
art. 17 der wet vermeld, alleen voor de eigenlijke han-
delsschool worden voorgeschreven; ook in dit verband
dus is wijziging dezer wet onvermijdelijk.
De meerderheid der Commissie is van oordeel, dat
in den zooeven aangeduiden zin eene hervorming van
de H. B. S. met 5-j. cursus dient te worden onder-
nomen. Zij begeeft zich niet in de bespreking der
details, maar constateert, dat er plannen in de lucht
zweven om te organiseeren: eene school van alge-
meene strekking, met of zonder examen en aanslui-
tende aan het lager onderwijs, met een 3- of 4-jarigen
-ocr page 36-
34
cursus, voorbereidend zoowel als afsluitend, gevolgd
door verschillende naast elkander staande scholen, elk
voor een bepaald doel, bijv. eene, welke een gymna-
siiun is, vervormd naar de eischen des tijds en toe-
gang gevende tot de universiteit; eene andere, waar
de wis- en natuurkundige vakken op den voorgrond
treden en welke den toegang openen zal tot de f\'acul-
teiten der wis- en natuurkunde en der geneeskunde,
alsmede tot de Polytechnische School; eene derde,
voorbereidende voor den yroot-haudcl en administratieve
betrekkingen. Voorzooveel de verwezenlijking van
deze plannen kan leiden tot bevrediging van de eischen,
met betrekking tot bet Handelsonderwijs te stellen,
vinden zij in de meerderheid der leden van de com-
missie voorstanders.
V.
Het Hoogere Handelsonderwijs.
Op de vraag wat te verstaan valt onder de. dikwijls
gebezigde uitdrukking: afzonderlijke Hoogeschool voor
den Handel? past bet antwoord: dat men hiermede
bedoelt eene instelling, op zich zelve staande of ver-
bonden aan eene Universiteit, waar het handelsonder-
wijs geschoeid is op de academische leest, waar dus
de Hoogleeraar of de Lector voordrachten houdt, die
door den student worden aangehoord. Met zulk eene
Hoogeschool wordt beoogd :
Ie. verheffing van den koopmansstand.
2e. eene gelegenheid tot opleiding van de aan-
staande Consuls.
3e. eene gelegenheid tot opleiding van de aan-
staande Handelsleeraren.
De beste ruutm voor zulk eene instelling zoude zijn
Handels^icademie.
Krachtens liet Koninklijk Besluit van 23 Januari
1884 (Stsbl. nr. 9) kan niemand tot leerling-con-
-ocr page 37-
35
sul worden aangesteld dan hij, die Nederlander is, den
ouderdom van 18 jaren bereikt heelt en daartoe be-
kwaani verklaard is ten gevolge van een examen, in
het openbaar afgelegd ten overstaan van eene door
de Koningin benoemde commissie, waarin de handels-
stand vertegenwoordigd is en die zich houdt aan een
door den Minister van Buitenlandschc Zaken goedge-
keurd Reglement, bepalende de vakken waarover het
examen loopt, de plaats waar en de wijze waarop het
wordt afgenomen en de voorzieningen, vereischt om
den bctrekkelijken graad van bekwaamheid der ge-
ëxamineerden onderling en ook in vergelijking met
later te examineeren candidaten te kunnen beoordeelen.
Zij die dit examen wenschen af te leggen, moeten,
zoo zij den cursus van eene handelsschool gevolgd
hebben, de getuigschriften overleggen, welke zij daar-
van bezitten. De bevordering tot vice-consul kan
eerst geschieden nadat de leerling-consul een oefenings-
tijd van ten minste twee jaren heeft doorgebracht en
daarna voor de bovenbedoelde commissie, op den
ouderdom van ten minste 21 jaren, in het openbaar,
een voldoend overgangsexamen heeft afgelegd. Ook
voor dit examen geldt een door den Minister van
Binnenlandschc Zaken goedgekeurd Reglement. Nu
is het een teekenend feit, dat het Rijk hetwelk aldus
eischen van bekwaamheid stelt, niets hoegenaamd
rechtstreeks doet om voor het verkrijgen van die be-
kwaamheid gelegenheid te geven. Rationeel zoude het
zijn, dat deze gelegenheid werd geopend door de
stichting van eene Handels-academie.
Aan de wenschelijkheid dat aan de handelsscholen
der toekomst docenten verbonden zijn, die door stel-
selmatigc, op broeden, wetenschappelijken grondslag
opgetrokken studie zich voor hunne even belangrijke
als moeilijke taak aan eene Handels-academie hebben
voorbereid, behoeven geene uitvoerige betoogen te
-ocr page 38-
36
worden gewijd. De Commissie refereert zich ten deze
in hoofdzaak aan de beschouwingen, o.a. over dit punt
vervat in de brochure van den heer W. Kreukniet:
„Handelsonderwijs" Rotterdam G. Delwel & Co,
1898 — blz. 18," 19 en 20.
Met betrekking tot liet hier boven in de eerste
plaats vermelde doelwit der Handels-academie moge
worden volstaan met de opmerking, dat alleen door een
bloeiend bestaan van zulk co.no, instelling kan worden
uitgeroeid de thans nog te zeer verbreide, voor de
volkswelvaart nadeelige meening, dat men om een goed
technicus te zijn wèl, om een goed handelaar te wezen,
geene behoefte heeft aan wetenschappelijke, algemeen
ontwikkelende voorbereiding.
De Commissie stelt zich voor, dat de Handels-aca-
doinie eene zelfstandige instelling zoude moeten zijn,
uit den aard der zaak gevestigd in eene universiteits-
stad, en evenals de Polytechnische School te Delft,
ressorteerende onder het Middelbaar onderwijs. Zij
zoude zonder toelatings-examen toegankelijk moeten
zijn voor jongelieden in het bezit van een diploma
van eindexamen van de Openbare Handelsschool te
Amsterdam, eene H. B. S. met 5 j. c, een gymnasium
en de middelbare handelsinrichting gelijk de Commissie
deze hierboven heeft geschetst.
Zij zoude wijders na welvolbracht toelatingsexamen
moeten openstaan voor anderen, en bij de regeling
der eischen voor dit examen zouden bijzondere bepa-
lingen moeten worden getroffen ten aanzien van be-
zitters van de hoofdakte lager onderwijs, accountants
en dergelijke reeds in speciale richting zich bewogen
hebbende personen, wier ontwikkelingsgraad voldoende
waarborgen schijnt aan te bieden voor vruchtbare
studie aan de Handelsacademie. Naast de leerlingen
voor alle vakken, wien het om het behalen van het
-ocr page 39-
87
Diploma te doen is, zouden toehoorders voor enkele
vakken moeten worden toegelaten.
Of en in hoeverre aan het Diploma een titel zoude
dienen te worden verbonden, is naar het oordeel der
Commissie eene vraag\' welker beantwoording voorloo-
pig achterwege mag blijven. Maar wel behoort dade-
lijk te worden vastgesteld, dat het Diploma niet slechts
van aanbevelende natuur zal moeten zijn, doch ook
zekere bevoegdheden zal verschaffen. Zeer bepaalde-
lij U zal het moeten geven de bevoegdheid om te wor-
den aangesteld tot Consul Accountant en tot Leeraar
aan eene inrichting van handclsonderwijs.
Wat de organisatie betreft, komt het aan de Com-
missie raadzaam voor, dat als voorbeeld worde geno-
meii de „Handélz-Hochschiile" te Leipzig —, waarvan
het Prospectus als bijlage I aan dit Rapport is toe-
gevoegd.
Navolgenswaardig is deze instelling zeker voor zoo-
veel de vakken aangaat, welke worden gedoceerd.
Zij kan voorts tot model worden gesteld, omdat het
verband waarin zij staat tot de Universiteit eenerzijds
en de Leipziger Handelsschule aan den anderen kant,
zoowel meer algcnieene als vak-studién mogelijk maakt.
De omstandigheid, dat de Directeur der Handelsschule
tevens is de Studien-Direktor der Hochschule, schenkt
dezen gelegenheid om belanghebbenden voor te lichten
nopens de keuze der vakken, welke zij speciaal zullen
beoefenen. Het stelsel van toehoorders is hiermede
op gelukkige wijze toegepast. Ook voor Nederland
zoude eene Academie nuttig zijn, waar door een
aan deze inrichting verbonden deskundige bekwaam
verklaarde belangstellenden als toehoorders die
kennis en wetenschap zich kunnen verwerven, welke
zij met het oog op hun practisch leven begeeren en
in dat leven wenschen toe te passen.
Mocht het denkbeeld dat ons vaderland behoefte
-ocr page 40-
38
heeft aan eene Handelsacademio, meer ingang vinden,
dan zal de quaestie der wettelijke regeling geene
overwegende bezwaren kunnen opleveren.
Hoezeer liet wegens onze bestaande wetten op het
Hooger- en het Middelbaar Onderwijs voor de band
zal liggen voor deze instelling eene plaats in te rui-
mon in de wet op het Middelbaar onderwijs, schijnt
toch de gedachte aan eene geheel zelfstandige rege-
ling bij afzonderlijke wet geenszins reeds dadelijk ter
zijde te moeten worden gesteld. Dit punt intusschen,
behoort naar het gevoelen van de Commissie niet door
haar te worden uitgewerkt.
Resumeerende, heeft de Commissie de eer aan Hoeren
Directeuren der Maatschappij in overweging te geven:
A. Aan de in 189Ï) te houden Algenieene Verga-
dering der Maatschappij voor te stellen om te nemen
het navolgend besluit:
De Algenieene Vergadering der Nederlandsche Maat-
schappij ter bevordering van Nijverheid,
Overwegende, dat eene behoorlijke en doeltreffende
wettelijke regeling van het Handelsonderwijs in Nodor-
land ontbreekt en in het belang der volkswelvaart
dringend noodig is;
noodigt heeren Directeuren uit tot de Hooge Regee-
ring het verzoek te richten het tot stand komen te
bevorderen van zulk eene regeling, welke zal behoo-
ren te berusten op de na te noemen grondslagen.
I.
De herhalingsschool, bedoeld in art. 17 der wet op
het Lager onderwijs, worde met het oog op hen, die
in den Handel de lagere rangen zullen gaan innemen
of tot den kleinhandel zullen gaan behooren, zoodanig
ingericht, dat zij gelegenheid geeft tot het ontvangen
-ocr page 41-
:5v>
van onderwijs in Boekhouden en beginselen van hanfate-
tcennis.
In verband hiermede worde oen examen ingesteld
voor hen, die aan deze school het Boekhouden en de
beginselen van Handelskennis zullen onderwijzen.
Dit examen behoort tevens ten goede te komen aan
de School voor meer uitgebreid lager onderwijs.
II.
o. de Burgeravondschool, bedoeld in de artikelen
13 en 14 der wet op het Middelbaar Onderwijs, worde
zoodanig gereorganiseerd, dat zij bestaat uit eene tech-
nische
en eene fta««*ete-afdeeling, welke laatste gelegen-
heid schenkt tot het genieten van onderwijs in Bock-
houden, Handelsrekenen, beginselen der Warenkennis,
der Handelsgeschiedenis en aardrijkskunde, het schoon-
schrijven en de beginselen van ten minste eene der
moderne vreemde talen.
In verband hiermede worde in art. 18 der Wet be-
paald, dat de Burgeravondschool niet hoofdzakelijk
bestemd is voor de aanstaande ambachtslieden en
landbouwers, maar ook voor den kleinen handelsstand,
en moeien wijzigingen gebracht worden in akte-exa-
mens voor boekhouden en andere handelsvakken voor
hen die aan de Burgeravondschool deze vakken zullen
onderwijzen.
b. De Hoogere Burgerschool niet 3-jarigen cursus
worde mede aan het Handelsonderwijs dienstbaar ge-
maakt door:
lo. in gemeenten waar deze school de eenige in-
richting van middelbaar dagonderwijs is, daaraan te
verbinden eene inrichting met, liefst, toejarigen cur-
sus, bepaaldelijk als Handelsschool georganiseerd, of,
wanneer de behoefte hieraan zich openbaart, de hoogste
klasse dezer school in ten minste twee afdeelingen te
-ocr page 42-
40
verdeelen en dan in althans ééne van deze afdeelingen
liet onderwijs zóó in te richten «lat het beantwoordt
aan de eischen, welke eene behoorlijke voorbereiding
voor den Handel stelt;
2°. in gemeenten waar meer scholen van deze
soort bestaan, eene of meer hiervan van meet af aan
als Handelsschool in te richten.
NB. In verband niet een en ander worde artikel 1<>
der Wet op het Middelbaar Onderwijs gewijzigd.
c. De Hoogere B. S. met 5 j. c. worde zoodanig
vervormd, dat hare klassen 1, \'2 en •*{ méér dan thans
mogelijk is, een afgerond, zelfstandig geheel vormen
en het onderwijs in hare klassen 4 en 5 anders wordt
ingericht voor hen, die zich willen voorbereiden voor
de faculteiten der wis- en natuurkunde en der genees-
kunde of voor de Polytechnische school en de Ko-
iiinklijke Militaire Academie te Breda, dan voor hen.
die wenschen te worden voorbereid voor den groot-
handel en administratieve betrekkingen.
In verband hiermede zullen noodzakelijk de betrok-
ken artikelen der wet op het M. ()., voor zooveel de
akten voor Handelsonderwijs aangaat, gewijzigd moe-
ten worden.
III.
Gesticht worde eene Handelsacademie ter bevredi-
ging van de behoeften van hen die Hooger Handels-
onderwijs wenschen te ontvangen. De Academie, bij
voorkeur te vestigen in eene gemeente waar eene
Universiteit bestaat, worde zooveel doenlijk ingericht
als de Handels Hochschule te Leipzig en stelle de
gelegenheid open tot het verwerven van diploma\'s,
recht gevende op aanstelling tot consul der Nederlan-
den, tot accountant, tot leeraar aan inrichtingen voor
Handelsonderwijs en op het bekleedcn van zoodanige
-ocr page 43-
41
andere ambten en bedieningen als nader zal worden
bepaald.
IJ. De Departementen der Maatschappij in kennis
te stellen met het Rapport en de conclusies, sub A
omschreven.
C. De leden der Commissie, voorzooveel noodig,
uit te noodigen tot bijwoning van de Algemeene Ver-
gadering waarin bet voorstel sub A omschreven, zal
worden behandeld.
De Commissie:
H. A. van Beitningen, j
I). de Loos,                      I Hoofdbestuur.
H. IJssel de Schepper, i
G. Salomonson Hzn., Almelo.
D. de Groot, Utrecht.
J. H. H. Hülsmann,            Amsterdam.
W. C. de Graait,                       „
J. (!. Cu. Volmer,                       ,.
K. A. Warmenhoven Jk.. Rotterdam.
A. Pekelharing, Groningen.
-ocr page 44-
LEIDEN, 10 Mei 1899.
Ik heb de eer ter Uwer kennis te brengen, dat ik als Lid der door U benoemde
Commissie voor het handelsonderwijs bezwaar heb gemaakt het daarover uitgebrachte rapport
mede te onderteekenen en wel op de volgende gronden:
1°. De wijzigingen in de toet voorgesteld, met betrekking tot de hoogere burgerschool met
vijfjarigen cursus, zijn tegen het belang van het Middelbaar Onderwijs.
Eene poging van ongeveer gelijke strekking is in 1876 gedaan door eene Commissie,
benoemd door de Maatschappij tot Nut van \'t Algemeen, maar het voorstel Uwer Commissie
getuigt van een zekere bekrompenheid.
In het Nutsrapport werd voorgesteld, in de plaats van een vijfjarigen cursus een
vierjarigen cursus als algemeene voorbereidingsschool te maken, waarop dan later voortgebouwd
kan worden. Uwe Commissie ruimt eenvoudig den vijfjarigen cursus op en behelpt zich dus
met een driejarigen cursus, wel het radikaalste middel dat men zich denken kan. Uwe Com-
missie wil zich zelf wijs maken, dat de vijfjarige cursus behouden blijft. Ik vraag, welk
verschil is er nu dan toch tusschen den driejarigen en vijfjarigen cursus? toch niet dat men
op den eenen driejarigen plaatst één of twee handelsklassen en op den anderen twee handels-
klassen en nog andere vakklassen. Men miskent op deze wijze de groote stichting van Thorbecke;
in de Memorie van Toelichting toch leest men: „Meer uitgebreide hoogere burgerscholen, met
vijfjarigen cursus, in eenige aanzienlijke gemeenten te vestigen, zouden de vorming van hen,
die hunne studiën zoo ver kunnen voortzetten, moeten voltooien."
Volgens het plan der Commissie wordt de hartader van het M. O. doorgesneden
en wat krijgt men daarvoor in de plaats? Op blz. 25 van het eerste rapport leest men:
„De Voorzitter, (de Heer Hülsmann) vestigt de aandacht op het van lieverlede zich baan brekend
denkbeeld, dat de overlading van het programma, waarover reeds sinds vele jaren wordt geklaagd,
zal kunnen worden weggenomen door reorganisatie van deze school op zoodanige wijze" enz.
De door Uwe Commissie voorgestelde wijze is zeker de meest radikale manier
van doen, want er schiet niets over van den vijfjarigen cursus en men heeft dus niet meer
te klagen.
Maar er is toch nog een minder radikale manier van doen, d. i. namelijk door
wijziging van het programma; dit is sedert lang het voorstel van vele zaakkundigen bij het
M. O.; dan vervalt de overlading en men behoeft geen wetswijziging, maar slechts een wyziging
bij Koninklijk Besluit.
Aan Heeren Directeuren der Nederlandsche
Maatschappij van Nijverheid.
-ocr page 45-
Dat de resultaten bij het M. O. slecht zijn, zooals een der Commissieleden be-
weerde op grond dat zoo weinig aan het eindexamen deelnamen vergeleken met het groote
aantal leerlingen, dat in de lo kl. aanwezig is, ontken ik ten sterkste.
Ten eerste zijn niet alle leerlingen geschikt het onderwijs in de hoogere klassen
te volgen, een verschijnsel dat ook aan de gymnasia wordt waargenomen.
Ten tweede zijn de h. burgerscholen veel meer bevolkt dan de gymnasia en zijn
de klassen der eerstgenoemde veel grooter, want op de gymnasia is de splitsing in de parallel-
klassen verplichtend bij een aantal van meer dan 24 leerlingen, terwijl het aantal op de h. b.
ongelimiteerd is en vele klassen uit 30 leerlingen bestaan.
Ten derde hebben vele ouders nooit het plan om finantiëele of andere redenen
hen langer dan 3 jaar op de school te laten, zooals vele vaders mij bij de inschrijving hebben
medegedeeld.
Ten vierde zijn er vele, die na het derde jaar de school verlaten, bij plaatsing aan
den mil. cursus te Alkmaar of aan de Machinistenschool te Amsterdam.
Dat de 5 jarige cursus toch op prijs gesteld wordt, blijkt uit het groote aantal,
dat zonder bij oogmerken het diploma van het eindexamen tracht te verwerven, want in 11
iaar heeft dit bedragen:
Aan jongelui die in den handel zijn gegaan......279
,. het fabriekswezen zijn gegaan . . .
aan „ bankwezen zijn verbonden . .
zich aan het onderwijs wijden ....
bij belastingen of registratie zrjn geplaatst
„ den post- of telegr.dienst „          „
in verschillende betrekkingen ,.          „
86
88
101
115
71
296
1036
Trekt men hiervan af de helft der bankinstellingen (88) omdat de
Twentsche Bank het diploma vordert............44
dan blijven er over..................992, d. i.
ruim 22 p.Ct. van het geheele aantal, 3580, dat het eindexamen van 1885 tot 1895 heeft afge-
legd. (Zie Bijlage: Algemeen Overzicht).
2°. De voorstellen Uwer Commissie zijn voor de meeste gemeenten veel te kostbaar.
Men behoeft dan 1° een tweejarigen cursus voor handelsonderwijs, 2° een twee-
jarigen cursus voor aanstaande artsen, aanstaande officieren, aanstaande leerlingen der Polytech-
nische school en 3° een tweejarigen cursus voor voortgezet taalonderwijs enz. zooals voor
aanst. O.-I. ambtenaren, onderwijs enz.
In kleine gemeenten, waar men zich nu de groote opoffering getroost van een
vijfjarigen cursus, zal men dan verplicht zijn te stichten een hoogere burgerschool met 3-jarigen
cursus en voor 1 of 2, hoogstens 3 leerlingen nog drie scholen er boven op.
-ocr page 46-
-ocr page 47-
Bijlage I.
Handelsacademie te Leipzlg.
LEERPLAN.
De studiecursus aan de Leipziger handelsacademie
is vastgesteld op vier semesters.
De studievakken zijn:
I. Staathuishoudkunde.
1.     Algemeene volkshuishoudkunde (theoretische staat-
huishoudkunde) en ter aanvulling daarvan een
kort college over de geschiedenis der staathuis-
houdkunde.
2.     Bijzondere volkshuishoudkunde en economische poli-
tiek (praktische staathuishoudkunde).
3.     Leer van de financiën.
4.     De economische geschiedenis, in \'t bijzonder geschiedenis
van den handel.
5.     Sociale politiek, in \'t bijzonder het arbeidersvraagstuk.
De drie eerste colleges worden in elk semester
aan de Hoogeschool gegeven, terwijl de overige
meestal slechts met lange tussch en ruimten terugkeeren.
Hun gemeenschappelijken grondslag vormt de alge-
meene volkshuishoudkunde. Dit college moet daarom
noodzakelijk vóór elk ander deel der staathuishoudkunde
en bijgevolg direct in het eerste semester worden bijgewoond;
— in het tweede semester zou dan daarop de prac-
tische staathuishoudkunde moeten volgen. Maar we-
gens de groote uitgebreidheid dezer wetenschap worden
-ocr page 48-
enkele gedeelten, die voor den handel van bijzonder
belang zijn. in afzonderlijke colleges behandeld, die
evenals de boven onder 3—5 genoemde afdeelingen
in vrije volgorde gedurende het 2de tot 4de semester,
in allen gevalle evenwel eerst na de theoretische
staathouishoudkunde, kunnen worden bijgewoond.
Daartoe behooren : geld-, crediet- en bankwezen, handels-
en verkeerspolitiek. koloniale politiek.
Ter aanvulling van de Volkshuishoudkundige vakken
wordt eene korte Jnleiding in de statistiek\'\' aanbevolen,
alsook het bijwonen der (elementair-wiskundige) col-
leges over verzekeringswezen en \'politische Arithnietik\'.
II. Van juridische colleges komen in .aanmerking:
1.     Handels-, wissel- en zeerecht en practisclie oefeningen
in deze rakken
(\'Praktikum\' met schriftelijk werk).
Het theoretische college wordt elk semester
aan de Hoogeschool gegeven, en men doet goed,
dit dadelijk bij liet begin der studie te gaan volgen,
aangezien bij de oefeningen, die alleen in het
winter-semester plaats hebben, verondersteld wordt,
dat men deze theoretische voorlezingen (en einde toe
heeft byjgewoond.
2.     Volkenrecht, vooral voor hen. die zich voor het
consulaat voorbereiden of naar het buitenland
denken te gaan.
3.     Faillissement recht.
4.     Algemeene grondteer van het verbintenissenrecht.
5.     Auteursrecht en het recht op den boekhandel, vooral
voor degenen, die zich voor dien handel voorbe-
reiden.
6.     Fabrieks- en arbeidswetgeving (\'Gewerberecht\'). Werk-
liedenverzekering.
7.     Wetgeving op de verzekering.
Deze colleges kunnen in vrije volgorde worden bij-
gewoond, met dien verstande evenwel, dat aan het
-ocr page 49-
faillissementrecht het handelsrecht of ook het verbin-
tenissemecht dient vooraf te gaan.
III. Colleges over geographie.
Aan de academie worden geregeld colleges over
algemeene en natuurkundige aardrijkskunde, anthropogvo-
graphie, politische
en handelsaardrijkskunde en over de
aardrijkskunde der verschillende deehn en staten dei-
aarde gegeven. Daarmee houden verband colleges
over volkenkunde, sociologie en anthropologie en aardrijks-
kundige oefeningen in elk semester.
Het verdient aanbeveling, voor het begin der aard-
rijkskundige studie de algemeene handelsaardrijkskunde
te nemen en dan in de volgende semesters over te
gaan tot de bijzondere colleges.
IV. Oefeningen die betrekking hebben op de
handelswetenac happen.
1.     Correspondent ie en kantoor werkzaamheden.
2.     Handelsrekenen.
3.     Boekhouden.
4.     Oefeningen, die betrekking hebben op alles, wat den
koopmansstand aangaat.
5.     Mechanische technologie der textiel-nijverheid.
6.     Chemische technologie.
De oefeningen onder 1—3 moeten in het eerste
semester beginnen, en worden bij 4 voortgezet. De
oefeningen onder 5 en 6 duren elk afzonderlijk twee
semesters en kunnen naar goedvinden in het eerste
of tweede jaar worden gehouden.
Aanbevolen worden oefeningen in vreemde talen,
vooral die in de Fransche en Engelsche handelscor-
respondentie, ook die in \'t Italiaansch, Spaansch en
Russisch bij de Lectoren der inrichting. Cursussen in
talen doet men verstandig, direct in het eerste semester
te beginnen. Ook kunnen cursussen in stenographie
-ocr page 50-
en het gebruik van schrijfmachines bij de voor dat
doel door de academie toegelaten leeraren worden
besproken, en wel naar goedvinden in elk semester.
V. Paedagogische colleges.
Voor hen. die zich wenschen te vormen voor het
beroep van handelsleeraar is het bijwonen van paeda-
gogische colleges en het deelnemen aan paedagogische
oefeningen wenschelijk.
Deze heeren zullen goed doen, zich al dadelijk bij
\'t begin voor de kweekschool van handelsschoolleeraren
te laten inschrijven.
VI. Colleges voor algemeene ontwikkeling.
Den studeerenden wordt aanbevolen, gebruik te
maken van de colleges over Geschiedenis, Litteratuur-
en Kunstgeschiedenis, moderne tulen
en natuurwetenschappen,
die aan de academie worden gegeven.
Zij dienen echter steeds zorg te dragen, niet te veel
colleges in een semester
te volgen, daar het hun niet
alleen om het opnemen, maar ook en vooral om het
verwerken van leerstof te doen moet zijn.