-ocr page 1-
ttë
-ocr page 2-
mv^ ie/3?
P. oct.
1714
-ocr page 3-
•
:

■ .
*
\'
•
•
-ocr page 4-
RIJKSUNIVERSITEIT TE UTRECHT
A06000024937587B
2493 758 7
-ocr page 5-
Po*T. \\-\\H
GRONDSLAG
VAN EEN
BIB
ISC1 REPERTOR
Lil
DER
WISKUNDIGE WETENSCHAPPEN.
(MAAR DEN FRANSCHEN TEKST BEWERKT.)
»
-
AMSTERDAM. - 1892. — W. VERSLUYS.
•
-ocr page 6-
Gedrukt bij Gebroeders Hoitsema te Groningen.
-ocr page 7-
V\' DELFT. ^HF
VOORBERICHT VAN HET „RÉPERTOIRE BIBL10GRAPHIQUE".
Het volgende ontwerp van een repertorium stelt zich de vaststelling
ten doel van een in bijzonderheden afdalende en ^ooveel mogelijk volledige
classificatie van alle tot het gebied der wiskunde behoorende vraagpunten,
onafhankelijk van de wijze van behandeling.
Daarom moeten alle geschriften over hetzelfde onderwerp in dezelfde
klasse gerangschikt worden, hoe groot het verschil in de wijze van behan-
deling ook zijn moge. Van dit standpunt uitgaande heeft men dan ook
geen afscheiding gemaakt tusschen zuivere en analytische meetkunde.
Een zelfde onderwerp kan dikwijls van verschillende kanten beschouwd
in verschillende klassen thuis behooren. Wilde men het dan slechts
in een enkele klasse vermelden, dan zou men het opzoeken moeielijk maken.
Daarom heeft men liever een stelsel van verwijzingen aangenomen. Deze
verwijzingen zijn van drieërlei aard.
Als het onderwerp, dat in verschillende klassen gerangschikt moet
worden, zich nauwer bij een van deze aansluit, dan laat men het in deze
laatste klasse door een verwijzing met cf naar de ondergeschikte klassen
en in de ondergeschikte klassen door een verwijzing met sie naar de
hoofdklasse volgen.
Als het onderwerp met gelijk recht tot verschillende klassen behoort,
laat men het in elk van deze volgen door een verwijzing met ref. naar
alle overigen.
-ocr page 8-
VOORBERICHT VAN DE VERTALING.
In 1889 is bij de fransche wiskundigen het denkbeeld gerezen de sedert
1800 verschenen geschriften over zuivere en toegepaste wiskunde te catalo-
giseeren. Tot het volbrengen van dezen reuzenarbeid heeft een fransche
commissie niet Poincaré aan het hoofd onder medewerking van verschillende
geleerden uit andere landen een stelsel ontworpen en neergelegd in een
brochure getiteld Répertoire bibliographique des sciences mathématiques.
Volgens dit stelsel wordt elk wiskundig onderwerp aangeduid door een
symbool samengesteld uit hoogstens vijf verschillende teekens. Zoo geeft
het symbool Dl b» de reeksen van Fourier, het symbool | M\' 6 h o
de cardioïde aan.
Daar het Bestuur van het Wiskundig Genootschap, ter spreuke voerende
„Een onvermoeide arbeid komt alles te boven", het wenschelijk achtte dit
stelsel op de Werken van het Genootschap toe te passen, deed het in de
algemeene vergadering van 30 April 1892 een voorstel in dien geest. Het
gevolg hiervan was, dat het gemachtigd werd 1°. tot het vertalen van den
grondslag, 2°. tot het toepassen er van op de Werken van het Genootschap.
De volgende vertaling van de fransche brochure is onder medewerking
van het geheele Bestuur en met name van den Voorzitter Dr. D. J. Korte-
weg , door Dr. P. H. Schoute bewerkt. Met betrekking tot de bewerking
mogen de volgende opmerkingen hier een plaats vinden.
1°. Het is wenschelijk geoordeeld eenige minder bekende onderwerpen
nader toe te lichten. Dit geschiedde een enkele maal door een verklarend
woord in den tekst of door een verklarende noot, gewoonlijk door verwijzing
naar handboek of tijdschrift. Steeds is groote beknoptheid hierbij in het
oog gehouden. Dit zal ten gevolge hebben, dat zij, die den „Grondslag"
naslaan tot opsporing van de beteekenis eener hun onbekende uitdrukking,
niet altijd geholpen worden. Dit bezwaar echter zal, zoo niet geheel ver-
dwijnen dan toch aanmerkelijk verminderen, door den later verschijnende
naar den „Grondslag" bewerkten Catalogus van de werken van het Genoot-
schap. Weet men niet, wat de beteekenis is van Bessel\'sche functies, dan
kan o. a. het voorkomen van Vraagstuk 128 van deel V der Wiskundige
Opgaven onder het symbool D 6 e tot een verklaring leiden. Dit streven
naar beknoptheid is mede oorzaak, dat in het algemeen in plaats van de
verklaring zelve de aauwijiing cener bron, die de verklaring inhoudt, ge-
geven is.
-ocr page 9-
VOORBERICHT.                                                             V
2°. Bovendien gaf de kwestie der nomenclatuur modelijkheden. Zoo reeds
dadelijk de vertaling van het hoofd Analyse mathématique, dat ter ken-
schetsing van de beide groote groepen Stelkunde en Meetkunde door Stel-
kunde
is weergegeven. Somtijds ook scheen het wenschelijk minder ge-
lukkige termen te vermijden, dikwijls was het noodzakelijk nieuwe namen
in te voeren of tusschen meerdere gebruikelijke een keuze te doen.
Zoo is in navolging van bijna al onze naburen de rechte lijn eenvoudig
rechte genoemd en de lange naam oppervlak van den tweeden graad
door kwadratisch oppervlak vervangen. Zoo is ter vermijding van ver-
warring onderscheid gemaakt tusschen inhoud (eener vlakke figuur),
oppervlakte (eener gebogene of lichamelijke figuur) en volume (van een
lichaam). Zoo is — zie L2 2 — aan het woord ontaard de beperkte be-
teekenis van uit deelen van lager en graad {of lagere klasse) samengesteld
gegeven en aan de uitdrukking kubische kromme die van kromme van
den derden graad, met uitsluiting van de krommen van de derde klasse,
die niet van den derden graad zijn. Zoo is het voorvoegsel focaal toe-
gepast op alles wat bij brandpunten behoort (en op bij congruenties voor-
komende vormingen), terwijl de uitdrukkingen brandkromme en brand-
oppervlak
uitsluitend van door reflectie of refractie ontstane omhullenden
gebezigd worden.
Wat de nieuwere termen aangaat zij het voldoende op drie punten te
wijzen. Eerstens op de beide equivalente reeksen bundel, net, lineair stel-
sel,
enz. en schaar, weefsel, tangentiaal lineair stelsel, enz. met de combi-
natie bundelschaar. Vervolgens op de uitdrukkingen
puntenreeks, punlenveld, puntenruimte,
, , , , ( stralenveld)
stralen bundel,
<
        ,           !, reeelruimte,
\' \\ stralenuet J\' s
vlakkenbundel, vlakkennet, vlakkenruitntc.
Eindelijk op de uitdrukkingen projectief en perspectief in plaats van
homographisch (of collineair) en homoloog.
3°. Moeielijkheden van anderen aard sproten hieruit voort, dat het door
de fransche commissie voorgestelde stelsel is „a prendre ou a laisser", doch
wegens het internationaal karakter niet de minste verandering gedoogt.
Zonder dezen knellenden band zou hier wat zijn toegevoegd, daar wat zijn
weggelaten, ginds weer wat zijn veranderd. Op den duur zal natuurlijk de
ontwikkeling der wetenschap, vooral wat het eerste punt, de uitzetting van
het aangenomen stelsel, betreft, haar eischen doen gelden. Voorloopig
schijnt het wenschelijk, bij het catalogiseeren van niet of slechts ten deele
in het stelsel opgenomen onderwerpen, van een gedeeltelijk signalement
gebruik te maken. Zoo kan de studie van functies met drie bestaanbare
veranderlijken, die voor mathematische physica en hydrodynamica van groot
belang is, ook voor de wiskunde zelve van zooveel gewicht worden, dat
-ocr page 10-
VOORBERICHT.
VI
het onvermijdelijk is er een nieuwe rubriek Die voor te openen; dit moet
de internationale commissie beslissen. In afwachting hiervan stellen wij
D i
thans voor dergelijke onderzoekingen met een onvolledig merk
te duiden en daarbij door de achtervoeging van de stip te kennen te geven,
dat de voortzetting der onderverdeeling niet gestaakt is, omdat de verhan-
deling , waarvan sprake is, al de onder D i aangegeven onderdeelen omvat —
in welk geval het D \\ had moeten luiden —, doch wijl bij de onder-
afdeelingen het bedoelde vakje ontbreekt.
4°. Om het gebruik van den „Grondslag" zoo gemakkelijk mogelijk te
maken, is aan het einde een Alphabetisch Register toegevoegd. Hoewel
dit ongetwijfeld leemten, mogelijk zelfs onjuistheden bevatten zal, kan het
bij het gebruik waarschijnlijk goede diensten bewijzen.
Den aandachtigen lezer kan het niet ontgaan, dat in de vertaling — even
als in het oorspronkelijke — niet altijd streng vastgehouden is aan het zeer
rationeele doch moeiclijk doorvoerbare stelsel van verwijzing. Hier ont-
breken de verwijzingen geheel, daar staat een zie zonder overeenkomstige cf,
ginds komt een op zich zelf staande re/, voor. Neemt men zich bij het
catalogiseeren voor het Register te raadplegen, zoodra men vermoedt, dat
het ontbreken eener verwijzing tot onjuistheden leiden kan, dan zal dit
kwaad zoo niet altijd dan toch in de meeste gevallen worden voorkomen.
5°. Daar de uitdrukking onder K -10 e in het oorspronkelijke luidt
Théorèmcs et problèmes divers dans renonce desquels ne figurent qu\'une
eirconférence, des droites et des points,
schijnt het de bedoeling, bij het
rangschikken der vraagstukken, de kromme, die de uitkomst vormt, niet
mee te rekenen, als ze niet in de opgaaf vermeld wordt. Dit kan echter
het groote nadeel opleveren, dat men hierdoor somtijds in de noodzakelijk-
heid komt een zelfde vraagstuk op twee verschillende plaatsen te moeten
rangschikken, naarmate men het in den eenen of in den anderen vorm
uitspreekt.
Dit overigens ondergeschikte punt treedt bij de toepassing op de „Wis-
kundige Opgaven" op den voorgrond. Aan hen, die zich met deze taak
belasten, zij de beslissing er van overgelaten.
-ocr page 11-
INHOUD.
STELKUNDE.
Klasse.                                                                                                                                  Bladz.
A.     Lagere stelkunde; theorie der stelkundige en transcendente vergelijkingen ;
groepen van Galois; rationale breuken; interpolatie....... 1.
B.     Determinanten ; lineaire substituties ; eliminatie ; stelkundige theorie der
vormen ; invarianten en covarianten ; quaternions , equipollenties en com-
plexe grootheden...................3.
C.     Hoofdbeginselen der differentiaal- en integraalrekening; stelkundige toe-
passingen ; kwadraturen ; veelvoudige integralen ; functionaaldeterminan-
ten ; differentiaaluitdrukkingen ; differentiaaloperators.......7.
D.     Algemeene theorie der functies en haar toepassing op stelkundige en
circulaire functies ; reeksen en andere oneindige ontwikkelingen, omvat-
tende in het bijzonder de oneindige producten en de stelkundige ketting-
breuken. Bernoulliaansche getallen; bolfuncties en andere dergelijke
functies......................o,.
E.     Bepaalde integralen, in het bijzonder de Euler\'sche.......12.
F.     Elliptische functies en toepassingen van deze . ,.......13.
G.    Hyperelliptische, Abel\'sche en Fuchs\'sche functies.......16.
H. Gewone en partiëele differentiaalvergelijkingen ; functionaalvergelijkingen ;
vergelijkingen met eindige verschillen; recurrente reeksen.....18.
I. Rekenkunde en getallentheorie ; onbepaalde vergelijkingen ; rekenkundige
theorie der vormen en der kettingbreuken; cirkeldeeling; complexe,
ideale en transcendente getallen..............23.
J. Combinatorische stelkunde ; waarschijnlijkheidsrekening; variatierekening;
algemeene theorie der transformatiegroepen [met uitsluiting van de groe-
pen van Galoi» (A), de lineaire substitutiegroepen (B) en de meetkun-
dige transformatiegroepen (P)]; theorie der verzamelingen (Punktmengen)
van G. Cantor...................28.
MEETKUNDE.
K. Lagere meetkunde en driehoeksmeting (onderzoek van figuren bestaande
uit rechten , vlakken , cirkels en bollen); meetkunde van het punt, van
de rechte, van het vlak , van den cirkel en van den bol; beschrijvende
meetkunde; perspectief.................3°.
L. Kegelsneden en kwadratische oppervlakken..........37.
-ocr page 12-
INHOUD.
VIII
Klasse.                                                                                                                      Wad*.
M. Stelkundige on enkele merkwaardige transcendente krommen en opper-
vlakken ......................50.
N. Complexen en congruenties; connexen; niet-lineaire stelsels van krom-
men en oppervlakken ; meetkunde van het aantal........63.
ü. Meetkunde der oneindig kleinen en kinematische meetkunde; meetkun-
dige toepassingen van differentiaal- en integraalrekening op de theorie
van krommen en oppervlakken; kwadratuur en rectificatie; kromming;
asymptotische , geodetische en kromtelijnen ; inhoud ; oppervlakte ; vo-
lume ; minimaaloppervlakken; orthogonale stelsels........68.
P. Meetkundige transformaties; projectiviteit (homographie); perspectiviteit
(homologie) ; affiniteit; reciprociteit en weerkeerige poolstelsels ; inversie;
birationeele en andere transformaties............73.
Q. Verschillende soorten van meetkunde; meetkunde met « afmetingen ;
niet-Euclidische meetkunde; analysis situs ; geometria situs.....76.
TOEGEPASTE WISKUNDE.
R. Mechanica in het algemeen; kinematica; statica met inbegrip van de
zwaartepunten en de traagheidsmomenten; dynamica; mechanica der
vaste lichamen; wrijving; aantrekking van ellipsoïden......78.
S. Mechanica der vloeistoffen ; hydrostatica ; hydrodynamica ; thermodyna-
mica .......................81.
T. Mathematische physica ; capillariteit; veerkracht: weerstand van bouw-
stoffen ; licht ; warmte; electriciteit; magnetisme........82.
U. Astronomie , mechanica des hemels.............83.
V. Philosophie en geschiedenis der wiskundige wetenschappen.....84.
X. Rekenwijzen ; tafels; graphische berekening ; planimeters.....85.
ALPHABE\'I\'ISCH RF.01STER.
-ocr page 13-
— I
STELKUNDE.
KLASSE A.
Lagere stelkunde; theorie der stelkundige en transcendente vergelijkingen;
groepen van Galois; rationale breuken; interpolatie.
1. Stelkundige hoofdbewerkingen en formules.
a.      Stelkundige optelling , aftrekking, vermenigvuldiging,
deeling; stelkundige deelbaarheid ; reeksen ; interest, jaarrente
(annuïteit) en aflossing.
               (*ru/^-fcA»-S«— ;
b.     Stelkundige identiteiten eryonmogelijkheid der identiteit
van zekere vormen.
c.     Binomium van Newton (ref. J 1). Som der machten van
de n eerste getallen, enz. Machten van veeltermen; a. Drie-
hoek van Pascal en andere dergelijke vormingen; j3. Bereke-
ning van wortelvormen; »zde-machtswortel uit een veelterm.
2. Vergelijkingen en vormen van den eersten en
tweeden graad.
a.     Lineaire vergelijkingen en stelsels van deze (cf. B 1
Ongelijkheden van den eersten graad.
b.     Vergelijkingen van den tweeden graad en andere, die
zich hiertoe laten herleiden; maxima en minima; ongelijkheden
van den tweeden graad.
3. Theorie der vergelijkingen.
a.     Eigenschappen van geheele rationale vormen; waarde-
beloop, doorloopendheid. a. Eigenschap van elke stelkundige
vergelijking zeker een wortel te hebben (stelling van d\'Alembert);
ontbinding van veeltermen in een product van lineaire factoren.
b.     Betrekkingen tusschen de coëfficiënten en de wortels.
Symmetrische functies van de wortels eener vergelijking; sym-
I
-ocr page 14-
A                                                  — 2 —
metrische functies van de verschillen der wortels; differentiaal-
vergelijkingen dezer functies (ref. B 3 c.)-
C. Deelers van stelkundige vormen. Stelkundige grootst
gemeene deeler en kleinst gemeene veelvoud. Gelijke wortels
{ref. B 3 c).
d.     Gedeeltelijke of volkomen bepaling van het tusschen
twee gegeven grenzen gelegen aantal der wortels eener verge-
lijking met bestaanbare coëfficiënten; scheiding der bestaan-
bare wortels ; stellingen van Dcscartes , Budan , Rolle , Sturm , x
Cauchy, Newton, Sylvester , enz. ; a. Stellingen betreffende de *.
Sturm\'ooho rcoton. skr^^^cJLlc-. J*_ v>Wl«> v.&tw^^ JZu5r\\.
e.     Onbestaanbare wortels; aantal der binnen een gegeven
omtrek gelegen onbestaanbare wortels.
f.     Uitbreiding der stellingen uit d en e op vergelijkingen ,
waarvan het eerste lid geen geheele rationale vorm is.
g.     Grenzen der bestaanbare wortels. Berekening der wortels;
benaderingswijzen; meetbare wortels.
h. Vervorming en graadsverlaging der vergelijkingen.
i. Bijzondere vergelijkingen ; «. Binomische vergelijkingen ;
|3. Weerkeerige vergelijkingen.
j. Merkwaardige vergelijkingen met louter bestaanbare of
onbestaanbare wortels en stelsels van deze, enz. (ref. D 2 e,
D2f, H5g-).
k. Vergelijkingen van den derden en vierden graad.
1. Oploaaing va« Transcendente vergelijkingen.
4. Theorie der groepen van Galois en oplossing van
vergelijkingen door wortelvormen.
a.     Groep eener vergelijking; algemeene stellingen en eigen-
schappen ; toevoeging (adjonction) \') van functies der wortels
van de vergelijking of van een andere vergelijking (ref. F 8 b,
G 5 a). éLt^JZv^~~4*—
b.     Abel\'sche vergelijkingen.
C. Vergelijkingen van Galois.
d. Toepassing van de theorie op bijzondere vergelijkingen:
vergelijking van de buigpunten eener kubische kromme (ref.
\') Dit begrip is door Galois ingevoerd (jfournal de Liouville, deel 11 , blz. 418,
1846; zie J. A. Serret\'s Algèbre supérieure, 4de druk, deel 2, blz. 638).
-ocr page 15-
— 3—                                       A, B
M\'Sea); van de 27 rechte lijnen van een oppervlak vanden
derden graad (ref. M23d); modulairvergelijkingen (ref. F5d),
enz, cc. Groepen van tetraëder, octaëder, ikosaëder en over-
eenkomstige vergelijkingen.
e. Vorming van door wortelvormen oplosbare vergelijkin-
gen; algemeene eigenschappen; classificatie. Onmogelijkheid
van het oplossen der algemeene vergelijking van den vijfden of
hoogerën graad door wortelvormen.
5. Rationale breuken ; interpolatie.
a.    Rationale breuken; ontbinding in meer eenvoudige breuken.
b.     Stelkundige interpolatieformules.
KLASSE B.
Determinanten; lineaire substituties; eliminatie; stelkundige theorie der vor-
men ; invarianten en covarianten; quaternions, equipollenties en com-
plexe grootheden.
1. Determinanten.
a.     Algemeene beschouwingen omtrent een enkelen determi-
nant. Herleiding en berekening. Matrices. (Omtrent de theorie
der lineaire vergelijkingen, zie
A 2 a).
b.     Vermenigvuldiging van determinanten.
C. Bijzondere determinanten; cc- symmetrische; /3. scheeve
determinanten.
d. Kubische determinanten en determinanten met meer dan
drie aanwijzers.
2. Lineaire substituties.
a.     Algemeene beschouwingen; a. Wijs van voortbrenging
en graad van de lineaire groep; de karakteristieke. Samen-
stellingsfactoren.
b.     Canonische vorm der lineaire substituties.
C. Bijzondere groepen : cc. orthogonale ; ft. Abel\'sche; y. hypo-
Abel\'sche groep.
d. Groepen van eindigen graad begrepen in de lineaire
groep; ex. Lineaire groep met twee veranderlijken; /3. Door-
loopende en ondoorloopende groepen (zie G 6 a en J4).
-ocr page 16-
B                                             -4-
3. Eliminatie.
a.    Eliminatie van één onbekende uit twee vergelijkingen.
Vorming van den resultant; voorwaarde, dat twee vergelijkingen
eenige gemeenschappelijke wortels hebben.
b.    Symmetrische functies van de gemeenschappelijke wor-
tels van twee vergelijkingen.
C. Bepaling, vorming en eigenschappen van den discrimi-
nant {ref. A 3 b).
d. Eliminatie van n onbekenden uit n i vergelijkingen.
cc. Overeenkomstige symmetrische functies. Symmetrische func-
ties van de coördinaten der snijpunten van twee krommen of
van drie oppervlakken, enz. (re/. C 3b).
4. Algemeene theorie der invarianten en covarianten
van één vorm.
a.    Algemeene eigenschappen van invarianten en covarianten
van een willekeurigen vorm ; a- Differentiaalvergelijkingen, waar-
aan zij voldoen.
b.    Vorming van invarianten en covarianten.
C. Stelling van Gordan voor binaire vormen en uitbreiding
van deze op vormen met een willekeurig aantal veranderlijken
en op stelsels van vormen.
d.    Merkwaardige invarianten en covarianten: covariant van
Hesse, enz.
e.    Symbolische schrijfwijs.
f.    Theorie, eigenschappen en vorming van emananten, contra-
varianten, gemengde covarianten, evectanten, enz. Meetkundige
beteekenis.
g\\ Peninvarianten , of semi-invarianten.
h. Overeenkomstige theorieën met betrekking tot een vorm
met verschillende stelsels van veranderlijken.
i. Typische voorstelling. \')
j. Toepassing van de theorie der invarianten op niet-lineaire
transformaties (re/. P 4 en 6).
\') Vergelijk Dr. P. Gordan\'s y,Vurlesungcn uier Invariantentheorit" van Dr. G.
Kerschensteiner, deel 2, blz. 253.
-ocr page 17-
— 5-                                             B
5. Stelsels van binaire vormen.
a.     Invarianten en covarianten. Algemeene eigenschappen.
b.     Stelling van Gordan [zie Ë 4 e).
C. Transformatie van een groep van vormen in een andere.
6. Harmonische vormen \').
a.    Harmonische vormen; poolvormen; apolaire 2) betrekkin-
gen tusschen twee vormen.
b.    Lineaire stelsels van vormen; harmonische lineaire stelsels.
C. Uitdrukking van een vorm door middel van een som van
machten van lineaire vormen.
7. Binaire vormen van den derden en hoogeren graad.
a.     Binaire vormen van den derden graad.
b.     Binaire vormen van den vierden graad.
C. Binaire vormen van den vijfden graad.
d.    Binaire vormen van den zesden graad.
e.     Binaire vormen van hoogeren graad.
f.     Stelsels van binaire vormen, waarvan er minstens een van
hoogeren dan den tweeden graad is.
8. Ternaire vormen.
a.    Ternaire vormen van den derden graad (ref. M1 5j).
b.     Ternaire vormen van den vierden graad (ref. M\' 61).
C. Ternaire vormen van hoogeren graad {ref. M\' 1 g).
d. Stelsels van ternaire vormen, waarvan er minstens een
van hoogeren dan den tweeden graad is.
9. Vormen met meer dan drie veranderlijken:
a.     Quaternaire vormen van den derden graad (ref. M2 3g).
b.     Quaternaire vormen van den vierden graad {ref M2 4n).
•) Naar het ons toeschijnt, moest dit nummer „poolvormen" heeten, wijl deze
naam dien van „harmonische vormen" (Poncelet, Cremona) verdrongen heeft.
2) Het begrip der apolariteit is door Reye ingevoerd (vergelijk eenige verhan-
delingen van zijn hand in het jtournal von Crelle, deelen 72, 77. 78 . 79 . 82
alsmede F. Meyer\'s Apolariteit und Raiionalt Curven.\')
-ocr page 18-
B                                            — 6 —
C. Quaternaire vormen van hoogeren graad.
d. Stelsels van quaternaire vormen , waarvan er minstens een
van hoogeren dan den tweeden graad is.
10. Kwadratische vormen.
a.     Theorieën en eigenschappen, die op een enkelen kwa-
dratischen vorm betrekking hebben; toegevoegde vorm; her-
leiding tot den canonischen vorm ; orthogonale substituties.
b.     Stelsels van twee kwadratische vormen. Herleiding tot
den canonischen
C. Lineaire stelsels van kwadratische vormen.
d.     Ternaire kwadratische vormen en stelsels van deze. In-
varianten en co varianten ; meetkundige toepassingen {zie L\' 17,
18 , 20 en 21).
e.     Quaternaire kwadratische vormen en stelsels van deze.
Invarianten en covarianten; meetkundige toepassingen {zie L\'i
17, 18
en 19).
11. Bilineaire en multilineaire vormen.
a.     Theorieën en eigenschappen, die betrekking hebben op
een enkelen bilineairen vorm; herleiding tot den canonischen
vorm.
b.     Stelsels van twee of meer bilineaire vormen; herleiding
tot den canonischen vorm.
C. Multilineaire vormen.
12. Algemeene theorie der onbestaanbare en
complexe grootheden.
a.   Onbestaanbare grootheden ; berekening; meetkundige voor-
stellingen, (ï^ Kécl.
b.     Equipollenties.
C. Uit een stelkundig oogpunt complexe grootheden; sym-
bolen (clefs) van Cauchy, „Ausdehnungslehre" van Grassmann,
enz.; u. Complexe grootheden met commutatieve vermenig-
vuldiging.
d.     Quaternions.
e.     Biquaternions.
-ocr page 19-
— 7—                                       B, C
f.     Complexe uitdrukkingen van den «,lcn graad; onbeperkte
uitdrukkingen; regelmatige uitdrukkingen.
g.     Bicomplexe uitdrukkingen van den «den graad.
h. Theorie der bewerkingen (ref. ] 4 g).
KLASSE C.
Hoofdbeginselen der differentiaal- en integraalrekening; stelkundige toepas-
singen; kwadraturen; veelvoudige integralen; functionaaldeterminanten;
differentiaaluitdrukkingen; differentiaaloperators.
1. Differentiaalrekening.
a.     Differentialen en afgeleiden; formule der eindige aangroei-
ingen; differentialen en afgeleiden met geheelen aanwijzer
(cf. Dlc).
b.    Afgeleiden met willekeurigen aanwijzer (cf. C 2 h).
C. Invoering van nieuwe veranderlijken.
d.     Vorming van differentiaalvergelijkingen.
e.     Reeksen van Taylor en van Maclaurin voor bestaanbare ver-
anderlijken ; u. Waardebepaling der onbepaalde uitdrukkingen
(cf. Dlc).
f.     Onderzoek naar het waardebeloop van stelkundige vor-
men ; maxima en minima.
g.     Andere stelkundige toepassingen der differentiaalreke-
ning.
2. Onbepaalde en bepaalde integralen.
a.     Enkelvoudige onbepaalde integralen (onbepaalde integralen
met een enkel integraalteeken); algemeene integratiemethodes;
rationale functies.
b.     Binomische differentialen; a. Verschillende uitbreidingen.
C. Integralen, die van den vierkantswortel uit een kwadra-
tischen vorm afhangen; integratie; stelkundige toepassingen.
d.     Elliptische en hyperelliptische integralen in haar ontbinding
en integratie tot rationale en logarithmische functies : cc. Pseudo-
elliptische integralen (cf. F2d en G lbƒ3).
e.     Integralen, die afhangen van e1, sin x, log x, bg sin x, —
f.     Andere enkelvoudige onbepaalde integralen.
-ocr page 20-
C                                              —8 —
g. Veelvoudige integralen; bepalingen; invoering van nieuwe
veranderlijken; merkwaardige veelvoudige integralen, enz.
h. Enkelvoudige of veelvoudige bepaalde integralen \'); bewijs
dat er een integraal is; doorloopendheid; algemeene beschou-
wingen (cf. Die).
i. Differentiatie en integratie onder het integraalteeken.
j. Numerische berekening van bepaalde integralen; benade-
ringsmethodes ; kwadratuurformules (ref. X 4 c).
k. Andere algemeene eigenschappen van bepaalde inte-
gralen.
1. Integralen van volledige differentialen; voorwaarden van
integreerbaarheid.
3. Functionaaldeterminanten.
a.     Algemeene beschouwingen ; hoofdeigenschappen.
di (x, y)
b.     Onderzoek van de som 2 .. r-------\\7~%— > uitgestrekt
over de snijpunten van de krommen f = o, ^ = o; a- Over-
eenkomstig onderzoek voor n functies (ref. B 3 d).
4. Differentiaalvormen.
a.     Algemeene beschouwingen ; invarianten; differentiaalpara-
meters van een vorm; covariante vormen.
b.     Kwadratische vormen; transformatie.
C. Stelsels van eenige differentiaalvormen.
d. Toepassing op de uitbreiding van het begrip krommings-
maat ; andere toepassingen (ref. Q 1 d).
5. Differentiaaloperators.
\') De integraaltafels vallen onder C 2 h; de algemeene theorie der bepaalde
integralen behoort eveneens onder C 2 te worden gerangschikt. Onderzoekingen
omtrent bijzondere soorten van bepaalde integralen vinden echter onder E een
plaats.
-ocr page 21-
-9-                                             D
KLASSE D.
Algemeene theorie der functies en haar toepassing op stelkundige en circu-
laire1) functies; reeksen en andere oneindige ontwikkelingen, omvattende
in het bijzonder de oneindige producten en de stelkundige kettingbreuken.
Bernoulliaansche getallen; bolfuncties en andere dergelijke functies.
1. Functies van bestaanbare veranderlijken.
a.     Verschillende singulariteiten en ondoorloopendheden van
een functie van een enkele bestaanbare veranderlijke; ondoor-
loopende functies; doorloopende functies zonder afgeleiden, enz.;
grenzen en grenzen van onbepaaldheid.
b.     Voorstelling door verschillende reeksen; a. Reeks van
Fourier; /3. Reeksen met veeltermen van Legendre; y. Reek-
sen \'met Bessel\'sche functies; 8. Circulaire reeksen, waarin
de geheele getallen vervangen zijn door de wortels eener trans-
cendente vergelijking; e. Benaderde voorstelling door geheele
functies.
C. Differentiatie en integratie; stelling van Rolle; reeks van
Taylor {zie Cl en 2). J-^^^^j^
d. Functies van twee.bestaanbare veranderlijken; algemeene
beschouwingen; a- Singulariteiten; /3. Voorstelling door reek-
sen van bolfuncties (ref. D 6 f); 7. Voorstelling door reeksen
van Lamé {ref. D 6 g) ; 8. Voorstelling door andere reeksen.
2. Reeksen en andere oneindige ontwikkelingen, ^c/./3/W.
a. Algemeene beschouwingen over reeksen ; cc. Regels voor
de convergentie; /3. Volstrekte convergentie en halfconver-
*entie; 7. Uniforme convergentie 2); differentiatie en integratie
iran reeksen; 8. Reeksen met dubbelen en veelvoudigen ingang;
ï. Grenzen van onbepaaldheid der divergente reeksen met be-
\'T
*) Wij nemen de uitdrukking „circulaire" functie (of reeks) over, om daaronder
.goniometrische" en „cyclometrische" functie (of reeks) te verstaan.
2) Convergence uniforme; Convergenz im gleichen Gerade; zie o. a, Seidel in
Ie Mathematische Annalen, deel V, blz. 381,
-ocr page 22-
D                                            _ jo-
ta. Bijzondere reeksen ; convergentie en sommeering ; «. Naar
de machten van de onbekende voortgaande reeksen (macht-
reeksen) ; /3. Circulaire reeksen; y. Reeksen met rationale
termen.
C. Oneindige producten en faculteiten (factorielles).
d.     Stelkundige kettingbreuken; algemeene beschouwingen;
a- Periodieke kettingbreuken.
e.     Voorstelling van opklimmende of afdalende machtreeksen
door kettingbreuken ; onderzoek der veeltermen, die de tellers
en noemers der naderende breuken vormen (re/. A 3 j);
cc. Benadering van een willekeurige functie door deze veelter-
men (re/. D 1 b); (5. Herleiding van eenige bijzondere functies
tot kettingbreuken (re/. E 3 en 4, H 5 g).
f.     Verschillende uitbreidingen der stelkundige kettingbreu-
ken ; a. Gelijktijdige benadering van eenige functies met be-
hulp van gelijknamige breuken (re/. A 3 j , H 5 g).
3. Theorie der functies naar Cauchy.
a.     Algemeene beschouwingen omtrent functies van één com-
plexe veranderlijke.
b.     Stelling van Cauchy omtrent de integraal langs een omtrek;
a. Reeks van Taylor en van Laurent voor complexe veran-
derlijken.
C. Verschillende toepassingen van de stelling van Cauchy;
a. op de berekening van bepaalde integralen; j3. op het onder-
zoek en de oplossing van vergelijkingen; y. op de reeks van
Lagrange.
d.     Uitbreiding der voorgaande uitkomsten op functies van
twee veranderlijken.
                                „
e.     Residu\'s van dubbelintegralenr^*>-«*-Cj-«>-^-<3\\^^i^%Z«-*^*-H.-
f.     Singuliere punten van functies van complexe veranderlij-
ken; a. Polen «a- nulpunten; /3. Werkelijke singuliere punten;
y. Vertakkingspunten.
g.     Periodiciteit.
4. Theorie der functies naar Weierstrass.
a. Geheele functies; algemeene eigenschappen.
-ocr page 23-
— II -                                            D
b. Grondfactoren ; ontwikkeling in producten ; cc. Bepaling
van het geslacht.
C. Meromorphe functies; a. Stelling van Mittag-Leffler.
d.     Functies met een oneindig aantal/singuliere punten. \\^r<^Acd
e.     Natuurlijke grenslijnen; cc. Functies met lacunaire ruim-
ten
; (3. Uitbreiding der stelling van Mittag-Leffler op deze
functies; y. Verschillende uitbreidingen dezer stelling.
f.     Uitbreiding der theorieën van Weierstrass op functies van
meer veranderlijken.
5. Theorie der functies naar Riemann.
a.     Gebruik van dwarssneden en verschillende toepassingen.
b.     Theorie der Riemann\'sche vlakken (ref. D 6 a-y).
e. Beginsel van Dirichlet; bewijs dat de vergelijking
r-----h ^— = 0 een integraal heeft (ref. H 10 d); «. In de
kleinste deelen gelijkvormige (conforme) afbeelding (ref. P3a);
/3. Verschillende uitbreidingen van het beginsel van Dirichlet.
d. Algemeene theorie der niet-eenwaardige functies van een
enkele veranderlijke ; cc. van meer veranderlijken.
6. Stelkundige, circulaire en andere functies.
a.     Stelkundige functies); algemeene beschouwingen ; a. On-
derzoek van de groep der monodromie; j3. Wisseling der
functiewaarden in de nabijheid van een gegeven punt; y. Lig-
ging der bladen van het overeenkomstige Riemann\'sche vlak
(ref. D6b).
b.     Circulaire, exponentiale en logarithmische functies; alge-
meene beschouwingen (omtrent de eigenlijke Trigonometrie, zie
K 20); a- Toepassing der stellingen van Weierstrass en Mittag-
Leffler ; /3. Goniometrische interpolatie; y. Goniometrische
identiteiten; 8. Ontbinding in enkelvoudige elementen.
C. Verschillende ontwikkelingen dezer functies; a. volgens
machtreeksen; /3. volgens reeksen met rationale termen; y. in
oneindige producten ; è. Bernoulliaansche getallen (cf. E 1 d);
t. andere merkwaardige getallen, die uit dergelijke reeksen
voortkomen,
-ocr page 24-
D, E                                      — 12 —
d.     Hyperbolische functies.
e.     Functies van Bessel en van Mehler (cf. H 5 i).
f.     Bolfuncties (re/. D 1 d 0).
g.     Functies van Lamé (ref. D 1 d y).
h. Hyperspherische en andere dergelijke functies.
i. Verschillende andere functies;ai.(SLacc^^j^j %.\\cp{°l)\\.
j. Rekenkundige theorie der stelkundige functies (Kronecker,
Dedekind).
KLASSE E.
Bepaalde integralen, in het bijzonder de Euler\'sche.
1. Gammafuncties.
a.     Hoofdeigenschappen en verschillende vormen van V (x).
Eigenschappen van —— •
b.     Ontwikkeling in een product.
C. Ontwikkeling van log r (i x) en van de afgeleiden
hiervan.
d.     Constante van Euler (omtrent de Bernoulliaansche getal-
len
, zie D 6 e 8).
e.     Formule van Stirling met toepassingen.
f.    Product van twee gammafuncties ; formule van Binet; de
functie B (p, q) in verschillende vormen.
g.     De functies P en Q.
h. Toepassing der functies T en B op het berekenen van
bepaalde integralen.
i. Uitbreidingen der functies V, P, Q (ref. H 12 g").
j. Merkwaardige getallen, die bij de voorgaande theorieën
voorkomen.
2. Integraallogarithmus (re/ I 9 b).
3. Bepaalde integralen van den vorm
/ e" F (z) dz.
J a
a.     Omgekeerde berekening (voortbrengende functies van
Abel).
b.     Ontwikkeling in kettingbreuken (re/ H 5 g en D 2 e en f).
-ocr page 25-
— 13 —                                   E, F
4. Bepaalde integralen van den vorm / ------- dz.
Ja X---Z
a.    Omgekeerde berekening.
b.    Ontwikkeling in kettingbreuken; eigenschappen van de
noemers der naderende breuken (ref. D2e/3, D 2 f a, H5g).
5. Andere bepaalde integralen. \')
KLASSE F.
Elliptische functies en toepassingen van deze.
1. Thetafuncties en intermediaire functies in het
algemeen.
a.    Bepalingen en algemeene eigenschappen der 0-functie.
b.    De vier functies van Jacobi; algemeene beschouwingen;
nulpunten en periodes. Betrekking tusschen de vier 6-functies;
ontwikkeling in reeksen; cc. Ontwikkeling in reeksen van pro-
ducten en quotiënten der vier 0-functies.
C. Ontwikkeling der O-functies in producten; cc. Bepaling
van 0 (q).
d.    Thetafuncties in het algemeen; betrekkingen tusschen
deze; «. Thetafuncties verkregen door verdeeling der periodes
in n gelijke deelen.
e.    Oneindig aantal vormen der 9-functies.
f.    Intermediaire functies in het algemeen; cc. Al-functies i).
g.    De o- functie ; algemeene eigenschappen; ontwikkeling in
een product; in een machtreeks.
2. Dubbelperiodieke functies.
a.    Algemeene eigenschappen der dubbelperiodieke functies
van de eerste soort; betrekkingen tusschen de residu\'s.
b.    Voorstelling dezer functies door het quotiënt van twee
\') De integraaltafels en de algemeene theorie der bepaalde integralen vallen
onder C 2 h, enz. (zie de noot bij C 2 h).
s) Door Weierstrass ingevoerde benaming (zie Journal von Crelle, deel 47,
blz. 300).
-ocr page 26-
F
— 14 —
producten van 0- of rj-functies van den eersten graad, door
het quotiënt van twee G-functies van hoogeren graad.
C. Eliminatie der onbekende uit twee dubbelperiodieke ver-
gelijkingen ; a. Interpolatie.
d.     Ontbinding van dubbelperiodieke functies in enkelvoudige
elementen {omtrent de pseudo-elliptische integralen , zie C 2 d a
en cf. Glb/3).
e.     Dubbelperiodieke functies van de tweede soort; func-
tie Z («)•
f.     Dubbelperiodieke functies van de derde soort; algemeene
beschouwingen; «. Ontbinding in enkelvoudige elementen.
g.     De functies sn u , en n, dn u ; algemeene beschouwingen ;
uitdrukkingen in 9-functies; nulpunten en periodes.
h. De functie p («); haar bepaling; uitdrukking door a ;
betrekkingen tusschen p (u) en de functies sn u, en u, dna.
3. Ontwikkeling der elliptische functies.
a.     Ontwikkeling volgens de reeksen van Eisenstein; a. vol-
gens de reeksen met dubbelen aanwijzer van Weierstrass
(toepassing der stelling van Mittag-Leffler); /3. Ontwikkeling
van ƒ (u) in een reeks met dubbelen aanwijzer.
b.    Ontwikkelingen van sn u, en u, dn u in reeksen gerangschikt
volgens de machten van modulus en veranderlijke; a. Ont-
wikkeling van p (u) volgens de machten van u, gt, gs.
C. Ontwikkelingen in goniometrische reeksen; a. vansn»,
en u, dna; /3. van de functies van de eerste soort in het
algemeen ; y. van Z, (u); 8. van ƒ («).
d.     Ontwikkelingen in producten ; a. Andere ontwikkelingen.
4. Optelling en vermenigvuldiging.
a.     Optellingsformules voor sn», en u, dn u; a. voor ?(«),
0, . ..; (5. voor p(u), o («),.-• .
b.     Algemeene theorie der vermenigvuldiging en deeling.
e.      Vermenigvuldigingsformules voor sn u, en «, dn u;
a. voor ƒ (u).
d. Oplossing der stelkundige vergelijkingen, waarvan het
vraagstuk van de deeling van het argument afhangt.
-ocr page 27-
F
— 15 —
5. Transformatie.
a.     Algemeene theorie der transformatie; cc. met het oog
op de betrekkingen tusschen de periodes; /3. met het oog op
de substitutie van een veelterm in de integraal.
b.     Vorming van de vergelijkingen , die de twee waarden van
sn u verbinden ; cc- van de overeenkomstige vergelijkingen voor
p (u); /3. van de modulairvergelijkingen in k; y. van de ver-
gelijkingen in J; 8. van de vergelijking met de multiplica-
toren.
C. Onderzoek en oplossing der vergelijkingen in sn u; a. in
p{u).
d.     Onderzoek van de modulairvergelijkingen in k; cc. in J;
f3. van de vergelijking met den multiplicator {ref. A 4d).
e.     Bijzondere transformaties; a. transformatie van Landen.
6. Bijzondere elliptische functies.
f dx
a.     Functies, die uit de integraal ƒ            voortspruiten.
JV i x*
b.     Lemniscaatdeeling.
C. Complexe vermenigvuldiging.
d. Andere bijzondere functies.
7. Modulairfuncties.
a.     Onderzoek der J-functie; algemeene beschouwingen ;
cc. Eigenschappen in verband met de algemeene functietheorie;
/3. Onderzoek der functie k2 of (p8 (w) in hetzelfde verband.
b.     Ontwikkelingen der modulairfuncties in functies van q ;
cc. in machtreeksen; /3. in producten; y. in reeksen met
rationale termen.
C. Bepaling der periodes in functie van den modulus door
middel van differentiaalvergelijkingen; cc. Voorstelling door
hypergeometrische reeksen.
d. Modulairfuncties van hoogere orde ; algemeene beschou-
wingen ; «. Modulairfuncties, die met een groep van congruen-
ties (Congruenzgruppe) in verband staan.
-ocr page 28-
— 16 —
F, G
8. Toepassingen der elliptische functies. ,
a.     Stelkundige toepassingenyïaritnmS\'iscn-geometrisch ge-
middelde van Gauss; ijfc. Uitbreidingen van dit gemiddelde.
b.     Oplossing der vergelijking van den vijfden graad; a. van
zekere vergelijkingen van hoogeren graad.
c.     Rekenkundige toepassingen: cc. op een bepaalde ver-
deeling der getallen in sommen (ref. 110); |3. op de berekening
van de sommen van Gauss.
d.     Toepassing op de ontbinding der getallen in sommen:
cc. van drie vierkanten; /3. van vier vierkanten; y. van meer
dan vier vierkanten (ref. I 17 a, b, c).
e.     Toepassing op de bepaling van het aantal der klassen
van kwadratische vormen met gegeven determinant (ref. I 14);
cc. door complexe vermenigvuldiging; j3. door transformatie.
f.     Meetkundige toepassingen: cc. op de boldriehoeksmeting
(ref. K 20 f); /3. op de stellingen van Poncelet en andere
dergelijke (ref. K lic, L1 17d en L\'19c); y. Meetkundige ver-
klaringen van het optellings-theoreem.
g.     Toepassing op de krommen van het geslacht één (zie
M\' 4b en M3 4b).
h. Toepassing op mechanica (en physica); cc. Conische
slinger; /3. Elastische kromme; y. Beweging van een lichaam
om een vast punt; poolhode, herpoolhode; 8. Beweging in
een vloeistof; t. Beweging van een punt aangetrokken uit twee
centra.
KLASSE G.
Hyperelliptische, Abel\'sche en Fuchs\'sche functies.
1. Abel\'sche integralen.
a.     Algemeene beschouwingen; verdeeling in soorten.
b.     Ontbinding van een Abel\'sche integraal in enkelvoudige
integralen van de eerste, tweede en derde soort; cc. Voor-
waarden , dat de integraal een rationale functie is; fi. een ra-
tionale en logarithmische functie is. (Omtrent de elliptische en
hyperelliptische integralen, zie
C 2 da en cf. F 2 d).
-ocr page 29-
— 17 —                                            G
C. Eigenschappen der integralen van de eerste, tweede en
derde soort; periodes ; verwisseling van parameter en argument.
Toepassing op stelkundige functies.
d.  Birationale transformaties van stelkundige krommen ; a. Ge-
slacht ; fi. Normaalkrommen ; y. Uitbreiding op krommen met
verschillende singulariteiten (ref. M\' 2 b).
e.     Stelling van Abel; a. Toepassing op bijzondere Abel-
sche integralen; f5. op krommen in het vlak of in de ruimte.
2. Uitbreiding der Abel\'sche integralen.
a.     Integralen van totale differentialen.
b.     Abel\'sche dubbelintegralen; verdeeling in soorten; pKttifi*-
tdfis;
«. Uitbreiding van de stelling van Abel.
3. Abel\'sche functies.
a.     Hyperelliptische functies van den tweeden graad ; a. Be-
trekkingen tusschen de zestien 0\'s.
b.     Hyperelliptische functies in het algemeen.
C. Thetafuncties in het algemeen.
d. Nulpunten der 9-functies.
©. Omkeeringsprobleem van Jacobi; oplossing hiervan door
Abel\'sche functies ; cc- Uitbreiding van het omkeeringsprobleem.
f.     Integratie van stelkundige differentialen door Abel\'sche
functies.
g.     Integratie van differentiaalvergelijkingen door Abel\'sche
functies (zie H 5 e).
h. Monodromie der Abel\'sche functies.
i. Reeksontwikkelingen der Abel\'sche functies.
4. Vermenigvuldiging en transformatie.
a.     Optelling en vermenigvuldiging der Abel\'sche functies.
b.    Transformatie.
C. Oneindig aantal vormen der 0-functies.
d. Herleiding der Abel\'sche integralen; a. met het oog op
de periodes; (3. met het oog op de moduli; y. H*^£»~\'>v~v*
-ocr page 30-
G, H                                     — 18 —
5. Toepassing der Abel\'sche integralen.
a.     Toepassingen op de stelkunde; vergelijkingen van den
zesden graad.
b.     Toepassingen op de mechanica.
C. Verschillende andere toepassingen.
6. Verschillende andere functies.
a.     Fuchs\'sche en Klein\'sche functies; algemeene beschou-
wingen ; overeenkomstige groepen {cf. B 2 d, ref. J 4);
«. Toepassing op differentiaalvergelijkingen {ref. H 4 f); j8. op
stelkundige krommen; y. op de rekenkunde.
b.     Hyper-Fuchs\'sche functies; «. Hyper-Abel\'sche functies
(cf. M2 8ea).
C. Verschillende andere transcendenten.
KLASSE H.
Gewone en partièele differentiaalvergelijkingen; functionaalvergelijkingen;
vergelijkingen met eindige verschillen; recurrente \') reeksen.
1. Differentiaalvergelijkingen; algemeene
beschouwingen.
a.     Bewijs dat er een integraal bestaat.
b.     Verschillende soorten van integralen.
C. Algemeene integratiemethodes : reeksen , kwadraturen ,
variatie der constanten, enz. ...
d.     Verlaging van de orde eener vergelijking; a. Infinitesi-
male transformaties.
e.  Onherleidbaarheid; betrekkingen tusschen verschillende inte-
gralen eener zelfde vergelijking; a. tusschen de integralen van
twee of meer vergelijkingen.
\') Wij nemen de uitdrukking „recurrente" reeksen over, omdat het gebruike-
lijke „weerkeerig" gewoonlijk in anderen zin gebruikt wordt (weerkeerige pool-
lijnen, enz.).
-ocr page 31-
H
— 19 —
f.     Multiplicator.
g.     Onderzoek der integraalfuncties ; kritische punten.
h. S<8Sstmrc*i« \\wi 3oor. differentiaalvergelijkingen bepaalde
krommen.
i. Verschillende transformaties eener differentiaalvergelijking ;
invarianten.
2. Differentiaalvergelijkingen van de eerste orde.
a.     Algemeenea integraal; "integratie met- behulp- va»- bijeon
dere opleidingen ; theorie van den integreerenden factor.
b.     Afzonderlijke oplossingen.
C. Bijzondere vergelijkingen van de eerste orde: a. Verge-
lijkingen, die alleen de functie en haar afgeleide bevatten ;
integratie van deze met behulp van elliptische functies ;
ƒ3. Stelkundig integreerbare vergelijkingen!; -y. Vergelijkingen
van Riccati; <5. Door differentiatie integreerbare vergelijkingen ;
f. Tot een lineaire vergelijking herleidbare vergelijkingen.
d. Verschillende transformaties ; invarianten.
3. Bijzondere differentiaalvergelijkingen van hooger
orde, die niet lineair zijn.
a.     Binomische differentiaalvergelijkingen.
b.     Algemeene vergelijkingen der dynamica (zie ook onder
de partiëele differentiaalvergelijkingen); «. Vergelijkingen, die
zich bij de variatierekening voordoen (ref. J 3 a en c).
C. Verschillende andere vergelijkingen.
. 4. Lineaire vergelijkingen in het algemeen.
a. /\\ Onderzoek der integralen ; kritische punten ; regelmatige
integralen \'); «. Onregelmatige integralen.
b.     Toegevoegde vergelijking \').
C. Onherleidbaarheid.
d. Transformatie der lineaire vergelijkingen; invarianten.
6. Groep van een lineaire vergelijking.
\') Omtrent dit onderwerp vergelijke men H. Laurent\'s Traite d\'analyse, deel
5 , hoofdstuk 3. •
-ocr page 32-
H                                            —20 —
f.     Omkeering der bij de integratie eener lineaire vergelijking
optredende functies (ref. G 6 a a).
g.     Vorming van lineaire vergelijkingen in verband met de
aan de integralen gestelde voorwaarden.
h. Symbolische ontbinding van differentiaaluitdrukkingen.
i. Vergelijkingen met een tweede lid.
j. Stelsels van lineaire vergelijkingen; toegevoegd stelsel.
5.     Bijzondere lineaire vergelijkingen.
a.     Vergelijkingen met standvastige coëfficiënten; a. Andere
dergelijke vergelijkingen, die door elementaire handelwijzen
geïntegreerd worden.
b.     Vergelijkingen met stelkundige coëfficiënten, die stel-
kundig geïntegreerd kunnen worden.
C. Integratie van lineaire vergelijkingen met behulp van ellip-
tische en Abel\'sche functies (cf. G 3g).
d.     Vergelijkingen met periodieke coëfficiënten ; cc. met dub-
belperiodieke coëfficiënten ; /3. Vergelijking van Lamé.
e.     Herleiding van lineaire vergelijkingen tot integreerbare
vormen en verlaging der orde.
f.     Hypergeometrische vergelijking; hypergeometrische reeks
van Gauss; et. Hypergeometrische functies van hooger orde
met een of meer veranderlijken ; |3. Vergelijking van Kummer.
g.     Lineaire vergelijkingen, die een of meer veeltermen tot
integraal hebben; eigenschappen dezer veeltermen; cc. Veel-
termen van Legendre (ref. D lb/3). j3. Veeltermen, die aan
de hypergeometrische vergelijking voldoen \\(ref. A 3 j , D 2 e
en f, E 3 en 4)J                       cU^^^JU^^X K~~~*.
h. Integratie van lineaire vergelijkingenjimet Behulp van be-
paalde integralen; cc. Transformatie van Laplace.
i. Vergelijkingen van Laplace; cc. Vergelijkingen van Bessel;
Bessel\'sche functies (ref. D 1 b 7, D 6 e).
j. Verschillende andere vergelijkingenf- ol.i/***. v.$. I
6.     Totale differentiaalvergelijkingen.
a.     Algemeene beschouwingen.
b.     Integreerbare stelsels ; integratiemethodes.
-ocr page 33-
— 21 —                                                H
7. Partieele differentiaalvergelijkingen ; algemeene
beschouwingen.
a.    Bewijs dat er een integraal bestaat.
b.    Kritische punten.
C. Verschillende transformaties.
8. Partieele differentiaalvergelijkingen van
de eerste orde.
a.    Integratiemethodes van vóór Jacobi; a. Methode van
Pfaff.
b.    Methode van Jacobijmot haar vorochillondo uitbi\'udingui;
haken \'); stelling van Poisson.
C.    Haken van hooger orde \').
d.    Methode van Cauchy.
e.    Afzonderlijke integralen.
f.    Verschillende bijzondere vergelijkingen.
9. Partieele differentiaalvergelijkingen van hooger orde.
a.    Integratiemethodes van Monge en Ampère voor de ver-
gelijkingen van de tweede orde.
b.    Verschillende uitbreidingen dezer methodes. /% . ^U^f^
C. Integratie door gedeeltelijke kwadraturen.
         /—\' _/        ^
d.    Bijzondere vergelijkingen van de tweede orde: a£-Aa. =-i(x y «•
e.    Lineaire vergelijkingen van de tweede orde van den vorm
s ap bq cZr= o ; methode van Laplace ; a- Bijzondere
vergelijkingen.
f.    Vergelijkingen van hoogere dan de tweede orde.
g.    Afzonderlijke integralen.
h. Simultane vergelijkingen van willekeurige orde; cc. van
de eerste orde ; /3. simultane lineaire vergelijkingen.
*) Omtrent deze haken vergelijke men E. Goursat\'s Léfons sur Vintégration
des équations aux dérivées partielles de premier ordre,
in 1891 verschenen bij A.
Hermann te Parijs.
-ocr page 34-
H                                                — 22 —
10. Lineaire partiöele differentiaalvergelijkingen met
standvastige coëfficiënten. (ofH
Q-A-
a.     Bewijs dat er een integraal is , die aan de grenzen aan
gegeven voorwaarden voldoet.
b.     Integratie door bepaalde integralen.
C. Integratie door reeksen.
d.     Bijzonder onderzoek der vergelijkingen : a. A « = ° !
du
B.
A u — = o ; y. £\\u -f ku = o (re/. D 5 C , R 5 , T 5).
dt
e.     Verschillende andere vergelijkingen.
11.     Functionaalvergelijkingen.
a.      Algemeene beschouwingen; bewijs dat er een inte-
graal is.
b.     Opsporing van stelkundige of transcendente functies, die
een optellings- of vermenigvuldigingstheoreem toelaten.
C. Bijzondere functionaalvergelijkingen.
12.     Theorie der differenties.
a.     Algemeene theorie der differenties; a. Toepassing op het
sommeeren van reeksen en op het interpoleeren; 8. Euler\'sche
betrekking tusschen de functie , haar integraal, haar afgeleide
en haar eindige differenties.
b.     Vergelijkingen met eindige differenties ; a. met gemengde
differenties.
C. Theorie der voortbrengende functies, vee
d.     Recurrente reeksen met één aanwijzer ; uitdrukking van
den algemeenen term.
e.     Toepassing der recurrente reeksen : cc. op het onderzoek
van stelkundige vergelijkingen; Q. op de integratie van lineaire
vergelijkingen.
f.     Recurrente reeksen met twee of meer aanwijzers.
g.     Bepaalde integralen, die uit lineaire differentiaalvergelij-
-ocr page 35-
-23-                                       H, I
kingen voortkomen en aan lineaire vergelijkingen met eindige
differenties voldoen (ref. E li).
h. Toepassing van het rekenen met eindige differenties op
lineaire differentiaalvergelijkingen.
KLASSE I.
Rekenkunde en getallentheorie; onbepaalde vergelijkingen; rekenkundige
theorie der vormen en der kettingbreuken; cirkeldeeling; complexe,
ideale en transcendente getallen.
1. Talstelsels ; rekenkundige bewerkingen ; worteltrekking;
ia^L. **J-mJHL~— Benaderingen.
2. Algemeene en eenvoudige eigenschappen der getallen.
a.    Grootst gemeene deeler en kleinst gemeene veelvoud.
b.    Eenvoudige algemeene beschouwingen over ondeelbare
en onderling ondeelbare getallen; kenmerken van deelbaarheid;
cc. Ontbinding van een getal in ondeelbare factoren; verschil-
lende handelwijzen (cf. I 13 c).
C. Onderzoek en eigenschappen van de functie <p (m) (aan-
tal der geheele getallen kleiner dan m en met m onderling
ondeelbaar); deelers van de producten 1.2........m en
n (n ï).......(« w).
3. Congruenties.
a.    Algemeene beschouwingen; grens van het aantal wortels
voor een ondeelbaren modulus ; et. Gemeenschappelijke wortels
van twee congruenties.
b.     Stellingen van Fermat en van Wilson ; verschillende uit-
breidingen dezer stellingen.
C. Onherleidbare congruenties; onbestaanbaren van Galois.
4. Kwadraatresten.
a. Symbool van Legendre ; algemeene eigenschappen;
a. Kwadratisch karakter van 2; j3. Reciprociteitswet.
-ocr page 36-
I
— 24 —
b. Algemeen onderzoek van de congruentie x1 = q (mod. N).
C. Symbool van Jacobi; «. Reciprociteitswet.
5. Complexe getallen van den vorm a-\\-bV—i.
a.     Algemeene eigenschappen ; ontbinding in factoren; vol-
strekt ondeelbare getallen.
b.     Congruenties met complexen modulus; cc. Uitbreiding
der stellingen van Fermat, Wilson en andere op complexe
getallen.
C. Kwadraatresten voor complexe getallen; u. Symbool
van Dirichlet.
6. Quaternions met geheele coëfficiënten.
a.     Algemeene beschouwingen.
b.     Ontbinding van een quaternion in ondeelbare quaternions.
7. Machtresten en binomische congruenties.
a.     Algemeene beschouwingen over de binomisché^congruen-
tie£ stelsels van primitieve wortels; c£_. J^w^tw ^eL^^^^s^.
b.     Theorie der indices.                                               <J
C. Theorie der derdemachtsresten.
d. Theorie der vierdemachtsresten.
8. Cirkeldeeling.
a.     Deeling in 2** k i gelijke deelen ; a. k = i.
b.     Determinanten van een bijzonderen vorm, die bij de
cirkeldeeling voorkomen.
C. Toepassing op de ontbinding der getallen in sommen van
vierkanten.
9. Theorie der priemgetallen.
a. Algemeene bcaeheuwiHgui; ^telling van Dirichlet omtrent
de rekenkundige reeks.
-ocr page 37-
I
— 25 —
b.     Verspreiding der priemgetallen; tusschen twee gegeven
grenzen begrepen priemgetallen (ref. E 2).
c.     Andere algemeene theorieën met betrekking tot priemge-
tallen , die niet vallen onder de voorgaande.
10. Partitie1) der getallen (ref. F 8c«.)
11. Andere getallenfuncties dan $ (m).
a.     Verschillende eigenschappen,-)(h-^s^~y^£4^ si^Ju^l^J
b.     Stelkundige voorstellingen. \'                                    \\ d*.
C. Uitdrukkingen, die bij het grooter worden van m tot de
getallenfuncties naderen.
12. Lineaire vormen en stelsels van deze.
a.     Algemeene beschouwingen ; herleiding tot den canonischen
vorm; toepassing op de lineaire substituties; voorwaarden van
gelijkwaardigheid.
b.     Voorstelling van een of meer getallen door een of meer
lineaire vormen; onbepaalde vergelijkingen van den eersten
graad.
13. Binaire kwadratische vormen.
a.     Voorwaarden van gelijkwaardigheid van twee bestaanbare
vormen met negatieven determinant; herleide vormen van Gauss.
b.     Voorstelling van een getal door een vorm met negatie-
ven determinant; a. Ontbinding in een som van twee vier-
kanten.
C. Toepassing op de ontbinding van een getal in ondeelbare
factoren.
d.     Gelijkwaardigheid van twee vormen met positieven deter-
minant ; herleide vormen van Gauss.
e.     Periodes van Gauss.
f.     Vergelijking van Peil en andere dergelijke.
g.     Samenstelling der vormen.
h. Complexe binaire kwadratische vormen.
\') Het begrip „partitie" is door Cayley ingevoerd; zie „Researches on the Par-
tition of Numbers\'\' , P/ulosofhical Transaetions, deel 146, blz, 127 (1856),
-ocr page 38-
I                                              — 26 —
14. Aantal der klassen van binaire kwadratische vormen.
a.     Aantal klassen van vormen met negatieven determinant
(ref. F 8 e).
b.     Aantal klassen van vormen met positieven determinant
{ref. F 8 e).
15 Bepaalde kwadratische vormen.
a.     Gelijkwaardigheid van twee bepaalde vormen met bestaan-
bare coëfficiënten; a. Herleide vormen van Dirichlet; /3. van
Korkine en Zolotareff; y. Aantal der klassen.
b.     Kwadratische vormen met complexe onbepaalde groot-
heden.
C. Gelijkwaardigheid van twee bepaalde complexe kwadra-
tische vormen ; a. Herleide vormen ; /3. Aantal der klassen.
d. Verschillende toepassingen (de voorstelling der getallen
hieronder niet begrepen); a. Herleiding eener substitutie.
16. Onbepaalde kwadratische vormen.
a. Herleide vormen; methode van Hermite bij het onder-
zoek der gelijkwaardigheid; hierbij behoorende substituties.
17. Voorstelling der getallen door kwadratische vormen.
a.     Voorstelling van een getal door een bepaalden kwadra-
tischen vorm (ref. F 8 d); «. door een onbepaalden kwadra-
tischen vorm.
b.     Ontbinding van een getal in de som van vier vierkanten
(ref. F 8d).
c.     Ontbinding in de som van drie vierkanten (ref. F 8 d).
d.     Voorstelling van eenige getallen door eenige kwadratische
vormen.
e.     Voorstelling van een vorm met n veranderlijken door
een vorm met een grooter aantal veranderlijken.
18. Vormen van willekeurigen graad.
a.
Gelijkwaardigheid van twee vormen; aantal der klassen.
-ocr page 39-
— 27 —                                              I
b. Vormen, die in lineaire factoren te ontbinden zijn.
C. Voorstelling van een of meer getallen door een of meer
vormen.
19. Onbepaalde vergelijkingen van hoogeren dan den
eersten graad.
a.     Onbepaalde vergelijkingen van den tweeden graad (met
uitsluiting van de theorie der voorstelling van getallen door
kwadratische vormen).
b.     Laatste stelling van Fermat: xP JP = zv-
C. Andere onbepaalde vergelijkingen.
20. Stelsels van vormen.
a.     Lineaire en kwadratische vormen.
b.     Vormen van hoogeren graad.
21. Vormen uit het oogpunt van het geslacht beschouwd.
a.     Binaire kwadratische vormen.
b.     Kwadratische vormen in het algemeen.
C. Vormen van hoogeren graad.
22. Stelkundige geheele getallen.
a.     Algemeene theorie der stelkundige geheele getallen.
b.     Met de wortels der eenheid gevormde complexe ge-
tallen.
C. Algemeene theorie der complexe eenheden.
d. Ideale getallen.
23. Rekenkundige theorie der kettingbreuken.
a.     Bestaanbare breuken; «. periodieke breuken.
b.     Complexe breuken.
C. Gelijktijdige benadering van verschillende grootheden door
gelijknamige breuken.
24. Transcendente getallen.
a. Transcendentie van e. A>*^*4*doL~~j^s<^/&K~\'**A< ~*}
-ocr page 40-
I,J                                    -28-
b. Transcendentie van ir. <]^*s^>asM. : ^^i.A-i-r •. i>»w W.
C. Andere transcendente getallen. Vorming van dergelijke
getallen door middel van kettingbreuken.
25. Verschillende andere onderwerpen,
a.
Volgreeksen van Farey \') en andere dergelijke.
TCLASSE J.
Combinatorische stelkunde ; waarschijnlijkheidsrekening ; variatierekening;
algemeene theorie der transformatiegroepen [met uitsluiting van de groe-
pen van Galois (A), de lineaire substitutiegroepen (B) en de meetkundige
transformatiegroepen (P)]; theorie der verzamelingen (Punktmengen) van
G. Cantor.
1.    Combinatorische stelkunde.
a.    Groepen, waarbij men rekening houdt met de volgorde :
cc. Permutaties en allerlei andere verschikkingen; aantal en
vormingswet; /3. Bouw, volgrijen (séquences)\'), enz ; 7. Her-
leiding van permutaties tot elkaar door cyclische permutatie
van groepen van elementen; gelijkvormige permutaties, enz.
b.    Groepen, waarbij men geen rekening houdt met de volg-
orde : cc. Enkelvoudige combinaties en combinaties met her-
halingen ; j3. Regelmatige combinaties; volledige combinaties.
C. Functies, die zich in de combinatorische stelkunde voor-
doen ; theorie der wegen.
d. Toepassingen: cc. op het onderzoek van de algemeene
termen der reeksen; /3. op tafels; y. op coëfficiënten van
zekere ontwikkelingen.
2.    Waarschijnlijkheidsrekening.
a.    Algemeene beschouwingen; grondbeginselen en hoofd-
stellingen ; stellingen van Bayes, enz.
b.    Onderzoek der verschijnselen, die men bij het herhalen
J) Zie Bulletin de la Société mathêmalique de France, deel 5, blz. 170
(1876—77).
2) Zie Comptes rendus, deel 81 , blz. 417 (1875) en Annalcs de l\'ccoli normale,
3d\' reeks, deel 1, blz. 121 (1884).
-ocr page 41-
— 29—                                         J
van dezelfde proeven waarneemt; stelling van Bernoulli; wet
der groote getallen.
C. Toepassing op hasardspelen ; wiskundige verwachting.
d.    Levensverzekeringen en lijfrenten; sterftewet; statistiek.
e.     Toepassing op de waarnemingswetenschappen; theorie
der fouten; kleinste kwadraten.
f.    Verschillende vraagstukken van waarschijnlijkheidsrekening.
g.    Toepassing der rekening op de ethische en economische
wetenschappen.
r~J. O dj.
3. Variatierekening.
a.    Eerste variatie van enkelvoudige integralen ; maxima en
minima van bepaalde integralen {ref H 3 b cc).
b.    Tweede variatie van enkelvoudige integralen.
C. Eerste en tweede variatie van veelvoudige integralen
{ref. H 3 b «).
4. Algemeene theorie der transformatiegroepen.
a.    Algemeene beschouwingen omtrent substituties en groepen;
cc. Transitiviteit; /3. Oorspronkelijke en niet oorspronkelijke
groepen\'); y. Samengestelde groepen ; samenstellingsfactoren.
b.    Verband tusschen de groepen en de functies; stelling
van Lagrange ; cc. Isomorphisme.
C.    Waarden eener functie van k letters bij verwisseling van
deze.
d.    Eindige groepen in het algemeen.
e.     Ondoorloopende groepen {cf. B 2 d (3, ref. G 6 a).
f.     Doorloopende groepen {cf. B 2 d /3); stelling van Lie.
g.    Algemeene theorie der bewerkingen {ref. B 12 h).
5. Theorie der verzamelingen (Punktmengen) van
G. Cantor.8)
\') Zie Jordan\'s „Traite des substitutions"\', blz. 34 en 41.
*) Zie Mathematische Annalen, deel 5, blz. 128 en yournal van Crelle , deel
84, blz. 243.
-ocr page 42-
K                                            — 30 —
MEETKUNDE.
KLASSE K.
Lagere meetkunde en driehoeksmeting (onderzoek van figuren bestaande uit
rechten, vlakken, cirkels en bollen); meetkunde van het punt, van de
rechte, van het vlak, van den cirkel en van den bol; beschrijvende
meetkunde; perspectief.
1. Driehoek, rechten en punten.
a.     Elementaire theorie der transversalen ; toepassingen.
b.     Betrekkingen tusschen de lengte van de zijden en van
andere merkwaardige rechten; «. Stellingen omtrent de bissec-
trices en haar voetpunten; j3. Stellingen omtrent de medianen,
haar voetpunten en haar snijpunt; 7. Stellingen omtrent de
hoogtelijnen, haar voetpunten en haar snijpunt; 8. Stellingen
omtrent de \'symedianen, haar voetpunten en haar snijpunt.
C. Andere stellingen met betrekking tot den driehoek,
waarin slechts punten en rechten voorkomen; merkwaardige
punten met betrekking tot den driehoek {ref. K 2wt).
d. Inhoud van driehoeken.
N.B. Omtrent de driehoeksformules met goniometrische functies,
zie
K 20 e.
2. Driehoek, lijnen, punten en cirkels.
a.     Stellingen, waarin het middelpunt, óf de straal van den
omgeschreven cirkel voorkomt; rechte van Simson.
b.     Stellingen, waarin het middelpunt of de straal van den
ingeschreven of van een aangeschreven cirkel voorkomt;
a. Eigenschappen van een punt van een dier cirkels.
C. Negenpuntscirkel.                     ^ a^w><^ hrrr^^^
d. Andere merkwaardige cirkels^ in het vlak van een drie-
hoek ; overeenkomstige merkwaardige punten (ref. K. 1 e.)
-ocr page 43-
- 31 -                                            K
e. Stellingen omtrent driehoeken en cirkels, die niet in het
voorgaande begrepen zijn.
3. Bijzondere driehoeken.
a.     Gelijkbeenige driehoeken.
b.     Gelijkzijdige driehoeken.
C. Rechthoekige driehoeken.
4. Constructie van driehoeken.
Constructie van driehoeken als bepaalde met den driehoek
in verband staande lijnen of hoeken gegeven zijn en in het
algemeen als men een ter bepaling van den driehoek voldoend
aantal gegevens heeft (j«iB «Constructies K 12 en 21 a).
5. Stelsels van driehoeken.
a.     Gelijkvormige driehoeken; gelijkvormige figuren (re/. P1 e).
b.     Gelijkvormige en gelijkstandige driehoeken; gelijkvormige
en gelijkstandige figuren (ref. P 1 e).
C. Perspectieve driehoeken ; perspectieve figuren (zie P 1 d).
d. Driehoeken, die voldoen aan een voorwaarde minder
dan voor de volledige bepaling noodig is. Meetkundige plaat-
sen en omhullenden van merkwaardige punten en rechten.
Maximumvraagstukken.
6. Analytische meetkunde; coördinaten.
a.     Analytische meetkunde ; algemeene beschouwingen. Car-
tesiaansche , driehoeks- en viervlakscoördinaten, Jó^yi~^^^^~iStAju e:
b.     Verschillende andere coördinatenstelsels in het vlak, op
den bol, op een willekeurig oppervlak en in de ruimte.
7. Dubbelverhouding (biquotient); homographie of pro-
jectiviteit; harmonische snijding; involutie.
a.     Dubbelverhouding van vier punten, van vier rechten,
van vier vlakken ; verschillende stellingen en vraagstukken. {h^c^a^M*
b.     Projectieve puntenreeksen op verschillende rechten. Pro-
-ocr page 44-
K                                            —32 —
jectieve stralenbundels met verschillende toppen. Verschillende
stellingen (re/. P 1 a).
c.   Projectieve puntenreeksen op een zelfde rechte; dubbelpun-
ten. Projectieve stralenbundels met gemeenschappelijken top;
dubbelstralen. Projectieve vlakkenbundels met gemeenschappe-
lijke as; dubbelvlakken. Verschillende betrekkingen en eigen-
schappen (ref. P 1 a).
d.     Harmonische en equianharmonische punten op een rechte.
Harmonische en equianharmonische rechten door een punt. Pool-
lijn van een punt met betrekking tot een stelsel van twee
rechten. Volledige vierhoek en vierzij. Verschillende vraagstuk-
ken en stellingen.
e.     Involutie van zes punten op een rechte , van zes rech-
ten door een punt, of van zes vlakken door een rechte. Invo-
lutie van projectieve puntenreeksen, stralenbundels en vlakken-
bundels ; centraalpunt; dubbelpunten, dubbelstralen en dubbel-
vlakken ; verschillende stellingen en vraagstukken (ref. P 1 a).
8. Vierhoeken.
a.     Algemeene stellingen en vraagstukken over den vier-
hoek.
b.     Ingeschreven vierhoek. Verschillende uitdrukkingen van
de voorwaarde, dat vier punten op een cirkel liggen.
C.     Omgeschreven vierhoek.
d.     Trapezium.
e.     Parallelogram in het algemeen; bijzondere gevallen.
f.     Verschillende bijzondere vierhoeken (Brahmagupta, enz.).
9. Veelhoeken.
a.  ~XIgëmeenë eigenschappenTstellingen en vraagstukken?
b.     Regelmatige veelhoeken.
C. Halfregelmatige veelhoeken.
d. Andere bijzondere soorten van veelhoeken; cc. Harmo-
nische veelhoeken.
N.B. Omtrent de formules, waarin goniometrische functies
voorkomen
, zie K 20 e cc.
-ocr page 45-
— 33 —                                       K
10. Cirkel.
a.    Algemeene beschouwingen; eenvoudige eigenschappen;
het meten van hoeken.
b.    Polen en poollijnen {omtrent de inversie, zie P 3 b).
C. Berekening van ir langs meetkundigen weg; lengte van
bogen; inhoud van sector en segment (cf. K 21 d).
d.    De cirkel als kegelsnee beschouwd; de onbestaanbare
cirkelpunten in het oneindige (de cyclische punten van het vlak);
de hoek als functie van een dubbelverhouding \'). Projectieve
puntenreeksen op een cirkel; harmonische en equianharmonische
punten op een cirkel (cf. L1 1 d). Onbestaanbare cirkel.
e.    Verschillende stellingen en vraagstukken, waarin slechts
één cirkel en rechten en punten voorkomen.
11. Stelsels van meer cirkels.
a.    Machtlijn van twee, machtpunt van drie cirkels ; grenspun-
ten van een cirkelbundel; orthogonale cirkelbundels; cirkelnetten.
b.    Gelijkvormigheidspunten van twee cirkels; stellingen over
de homologe en antihomologe punten en raaklijnen; gelijkvor-
migheidspunten en assen van drie cirkels.
c.    Veelhoeken in- en omgeschreven aan twee cirkels; alge-
meene stellingen en vraagstukken (ref. F 8 f j3 en L\' 17 d).
d.    Verschillende stellingen en vraagstukken, waarbij twee
cirkels en rechten en punten voorkomen.
e.    Verschillende stellingen en vraagstukken, waarbij meer
dan twee cirkels en rechten en punten voorkomen.
12. Constructie van cirkels.
a.    Constructie van cirkels uit gegevens, bestaande uit rechten
en punten.
b.    Constructie van cirkels uit gegevens bestaande uit cirkels,
rechten en punten; a. Cirkels, die drie gegeven cirkels aanraken,
drie gegeven cirkels onder gegeven hoeken of vier gegeven
cirkels onder gelijke hoeken snijden ; /3. Vraagstuk van Malfatti2)
(cf. K 19 b J3). \'
\') Zie Clebsch\'s Vorlesungen über Geometrie, deel I, blz, 148.
J) Zie Journal von Crelle, deel 77 > blz. 230.
3
-ocr page 46-
K                                            - 34 -
13. Punten, vlakken en rechten; drievlakshoeken;
viervlak.
a.     Algemeene beschouwingen; grondstellingen der stereo-
metrie; tweevlakshoek.
b.     Drievlakshoek (ref. K 17 a en b); a. Bijzondere drievlaks-
hoeken.
c.     Viervlak ; zwaartepunt; hoogtelijnen ; volume, enz. (ref.
K 16 b). Scheeve vierhoek; a. Eigenschappen van het viervlak
met door een zelfde punt gaande hoogtelijnen; j3. Gelijkbeenig
viervlak (viervlak met gelijke overstaande ribben), of mot golijlc
.bcanigo di\'icvlalt3hoe.ken). ; Y. Jt~~JU~, J8^i^^^A^i^^r<<^^t^u^c^^.
14. Veelvlakken.
a.     Veelvlakshoeken.
b.     Algemeene beschouwingen omtrent veelvlakken; formule
van Euler, enz.
C. Regelmatige veelvlakken. cc. Halfregelmatige veelvlakken.
d.     Oppervlakte en volume van veelvlakken; zwaartepunten.
e.     Gelijkvormigheid; gelijkvormigheid en gelijkstandigheid
(homothetie) (ref. P 1 e); «. Perspectieve ligging (homologie)
;-"«
15. Omwentelingscylinders en kegels.
a.     Omwentelingscylinder; algemeene beschouwingen; opper-
vlakte ; volume ; ontwikkeling ; zwaartepunt van den afgeknotten
cylinder.
b.     Omwentelingskegel; algemeene beschouwingen; opper-
vlakte ; volume ; ontwikkeling ; afgeknotte kegel.
16. Bol.
a.     Algemeene beschouwingen ; groote en kleine cirkels. Ver-
schillende uitdrukkingen van de voorwaarde, dat vijf punten op
een bol liggen.
b.     Omgeschreven bol van een viervlak. cc. In- en aange-
schreven bollen; bollen in de daken (ref. K 13 c).
C. Polen, poollijnen en poolvlakken met betrekking tot een
bol (omtrent de inversie en de stereographische projectie, zie P 3 b).
-ocr page 47-
— 35 —                                       K
d.    Polen en poolcirkels met betrekking tot een cirkel van
den bol; machtlijn en gelijkvormigheidspunten van twee kleine
cirkels; cirkel, die drie gegeven kleine cirkels aanraakt, enz.
Stelsels van kleine cirkels.
e.    De bol als kwadratisch oppervlak beschouwd (re/. L2 1);
puntbol (bol met een straal nul); de onbestaanbare cirkel in
het oneindige.
f.    Verschillende stellingen en vraagstukken, waarbij slechts
één bol en vlakken, rechten en punten voorkomen.
g.    Volume en zwaartepunt van bolsectoren en bolsegmenten.
17. Boldriehoeken en bolveelhoeken.
a.    Algemeene beschouwingen; pooldriehoeken; gelijkheid van
driehoeken (ref. K 13 b).
b.    Stellingen omtrent den boldriehoek , waarbij alleen punten,
rechten, vlakken en groote cirkels voorkomen (ref. K 13 b);
a. Constructies van boldriehoeken.
C. Oppervlakte van boldriehoeken en bolveelhoeken ; sphoriooh
eKces ; u. Stelling van Lexell.
                                   "u^*^t^*"
d Driehoek gevormd door drie kleine cirkels.
e. Bolveelhoeken.
18. Stelsels van meer bollen.
a.    Machtvlak van twee, machtlijn van drie, machtpunt van
vier bollen. Orthogonale bollen en stelsels van deze. Bundels,
netten en lineaire stelsels van bollen.
b.    Gelijkvormigheidspunten van twee bollen; homologe en
antihomologe punten.
C. Bollen rakende aan drie gegeven bollen (ref. Ma 4 i y);
aan drie gegeven rechten.
d.    Andere stelsels van bollen.
e.    Verschillende stellingen en vraagstukken, waarbij behalve
vlakken, rechten en punten slechts twee bollen voorkomen.
f.    Verschillende stellingen en vraagstukken, waarbij drie
bollen voorkomen.
g.    Verschillende stellingen en vraagstukken, waarbij meer
dan drie bollen voorkomen.
3*
-ocr page 48-
K                                            — 36 —
19. Constructie van bollen.
a.     Constructies van bollen als de gegevens alleen uit vlak-
ken, rechten en punten bestaan.
b.     Constructies van bollen als er onder de gegevens ook
bollen voorkomen; a. Constructie der bollen, die vier gegeven
bollen aanraken, vier gegeven bollen onder gegeven hoeken of
vijf gegeven bollen onder gelijke hoeken snijden; /3. Vraagstuk
van Malfatti (zie K 12 b (i).
20. Goniometrie en trigonometrie.
a.     Algemeene beschouwingen; optellingsformules.
b.     Vermenigvuldiging; verschillende uitdrukkingen voor
sin mx, cos mx, tang mx; eigenschappen der overeenkomstige
veeltermen en breuken.
X                      X                        X
c.     Deeling; bepaling van sin —, cos -----, tang ----- in
goniometrische functies van den boog x\\ onderzoek en eigen-
schappen van de verkregen vergelijkingen; a. Goniometrische
oplossing van de derdemachtsvergelijking en van andere verge-
lijkingen.
d.     Verschillende betrekkingen tusschen de goniometrische
functies van verschillende bogen.
e.     Formules en vraagstukken, die op vlakke driehoeken be-
trekking hebben (cf. K 1 en 2); a. Vlakke veelhoeken (cf. K 8
en 9).
f.     Boldriehoeksmeting (ref. F 8 f «); Stelling van Legendre.
[Omtrent andere eigenschappen van goniometrische functies, zie
D 6 b en c).
21. Verschillende vraagstukken.
a.     Constructies met behulp van passer en liniaal; cc. alleen
met ^JeJiniaal; ^kaj^ri^met den passerj v. ^u «C M^y^.*^»jL j*^ «c*^. vn-^^^*t\'
b. *\' VeT3lJelmg~v1mcien \'^^^x^^^^^&^^S^d^^ii^iQ ■****
deelen; benaderde constructies.
c.     Verdubbeling van den kubus; benaderde constructies.
d.     Benaderde rectificatie en kwadratuur van cirkelboog en
cirkel.
-ocr page 49-
— 37 —                                K, L\'
22. Beschrijvende meetkunde.
a.    Algemeene beschouwingen; vraagstukken omtrent rechte,
vlak, cirkel en bol.
b.    Vraagstukken omtrent oppervlakken. -«—*. lo^-w-w^j-^.
C. Leerwijze der genommerde projecties (projections cotées).
23. Perspectief.
a.    Gewone perspectief.
b.    Cavalier-perspectief1).
C. Axonometrische en isometrische perspectief.
KLASSE L.
Kegelsneden en kwadratische oppervlakken.
L*. — Kegelsneden.
1. Algemeene beschouwingen.
a.    Verschillende bepalingen; vergelijkingen en classificatie.
b.    Algemeene stellingen omtrent de voortbrenging der ke-
gelsneden ; stellingen van Pappus , Newton, Maclaurin, Chasles,
Desargues, enz.
C. Zeshoek van Pascal; verschillende uitdrukkingen van de
voorwaarde, dat zes punten op een kegelsnee liggen; stellingen
van Steiner, Kirkman, enz. a. Zeshoek van Brianchon.
d.    Eigenschappen met betrekking tot projectieve of involu-
torische stralenbundels met op de kegelsnee gelegen toppen;
projectieve puntenreeksen op een kegelsnee; dubbelverhouding
van vier punten. Stelling van Frégier 2).
e.    Projectieve transformatie van een kegelsnee in een andere ;
leerwijze der projecties (ref. P 1 b).
f.    Afbeelding der binaire vormen op een kegelsnee.
\') Zie de la Gournerie\'s Traite de geometrie descriptive, deel I, blz. 123.
2) Zie Salmon\'s Conic Stctions, druk 6, blz. 175 art. 181, vraagstuk 3,
-ocr page 50-
-38-
L\'
2. Polen en poollijnen.
a.    Algemeene theorie van polen en poollijnen; toegevoegde
punten en toegevoegde lijnen. Beginsel der methode van de
weerkeerige poolfiguren (omtrent de reciprociteit, zie P 2).
b.    Pooldriehoeken met betrekking tot een kegelsnee.
C. Verschillende eigenschappen, die op de theorie van polen
en poollijnen betrekking hebben.
3. Middelpunt, middellijnen, assen en asymptoten.
a.    Algemeene beschouwingen omtrent de stelkundige op-
sporing van middelpunt, middellijnen, assen en asymptoten
eener kegelsnee.
b.    Stellingen van Apollonius; verschillende eigenschappen
van paren toegevoegde middellijnen; constructie der assen uit
twee toegevoegde middellijnen.
C. Andere eigenschappen van toegevoegde middellijnen; sup-
plementaire koorden.
d. Eigenschappen, die op de asymptoten betrekking hebben.
4.    Raaklijnen.
a.    Verschillende stellingen en vraagstukken met betrekking
tot raaklijnen; a. tot de twee raaklijnen uit een punt of tot
evenwijdige raaklijnen.
b.    Raaklijnen, die een gegeven hoek met elkaar maken;
cc. Geval van den rechten hoek; orthoptische cirkel (cirkel van
Monge).
C. Raaklijnen, die aan een gegeven voorwaarde voldoen.
Verschillende meetkundige plaatsen en stellingen.
5.    Normalen.
a.    Verschillende stellingen en vraagstukken over normalen.
b.    Normalen uit een punt; eigenschappen van de voetpun-
ten dezer normalen en van de raaklijnen in deze punten.
C. Eigenschappen met betrekking tot de lengte der uit een
punt neergelaten normalen.
-ocr page 51-
L\'
— 39 —
d.     Meetkundige plaatsen van punten, waaruit men norma-
len kan neerlaten, die aan een gegeven voorwaarde voldoen.
e.     Ontwondenen (zie M\' 6 b y).
6. Kromming.
a.     Verschillende constructies van kromtestraal en krommings-
middelpunt.
b.     Verschillende eigenschappen met betrekking tot kromte-
stralen en liromtocirkolci <&<-*-~Q*-*-*-*~-*--dU. A^-»-w-~--^~»-«_~^
C. Kromtecirkels in bijzondere punten.
7. Brandpunten en richtlijnen.
a.     Verschillende bepalingen en constructies van de brand-
punten.
b.     Eigenschappen van raaklijnen of snijlijnen en van brandpun-
ten of richtlijnen, die op betrekkingen tusschen hoeken berusten.
C. Eigenschappen betreffende de lengte van segmenten.
d. Andere eigenschappen van brandpunten en richtlijnen.
8. Ontaarde kegelsneden.
a.     Het lijnenpaar en het puntenpaar.
b.     Voorstelling der onbestaanbare punten en lijnen door
von Staudt (zie B 12jU~~ K&*j.
9. Inhouden en bogen van kegelsneden.
a.     Eigenschappen, die betrekking hebben op den inhoud
eener geheel of gedeeltelijk door een boog van een kegelsnee
begrensde figuur.
b.     Stellingen van Graves en van Chasles; stelling van Fagnano.
C. Bewijs dezer stellingen met behulp van elliptische functies.
d. Verschillende eigenschappen met betrekking tot bogen
van kegelsneden.
10. Bijzondere eigenschappen van de parabool.
a.     Eigenschappen, die op punten en raaklijnen betrekking
hebben.
b.     Eigenschappen, die op normalen, kromtestralen en krom-
mingsmiddelpuntenjbetrekking hebben.
-ocr page 52-
Lr»                                          --- 40 ---
C. Eigenschappen omtrent bogen; a. omtrent inhouden.
d. Verschillende andere eigenschappen.
11.    Bijzondere eigenschappen der gelijkzijdige hyperbool.
a.     Eigenschappen, die op punten, raaklijnen en asymptoten
betrekking hebben.
b.     Eigenschappen, die op normalen, kromtestralen en krom-
mingsmiddelpunten betrekking hebben.
C. Verschillende andere eigenschappen.
12.    Constructie van een door vijf voorwaarden bepaalde
kegelsnee.
a.     Gegeven p punten en 5 — p raaklijnen.
b.     Gegeven drie punten of raaklijnen en het middelpunt of
een brandpunt.
c.     Andere gevallen.
13.    Constructie van een door vier voorwaarden gegeven
parabool of gelijkzijdige hyperbool.
a.     Constructie eener parabool uit punten, raaklijnen of
brandpunt.
b.     Andere gevallen van de constructie eener parabool.
C. Constructie eener gelijkzijdige hyperbool uit punten of
raaklijnen.
d.     Andere gevallen van de constructie eener gelijkzijdige
hyperbool.
14. In en om een kegelsnee beschreven veelhoeken.
a.     Algemeene stellingen.
b.     Geval der halfregelmatige veelhoeken.
15. Uit een kegelsnee afgeleide eenvoudige meetkundige
plaatsen.
a.     Positieve en negatieve voetpuntskrommen.
b.     Krommen door middel van de transformatie door weer-
-ocr page 53-
— 41 —                                           L\'
keerige voerstralen uit de kegelsneden afgeleid {zie M\' 6 b S,
d en f).
C. Evenwijdige krommen.
d.     Conchoïden.
e.     Positieve en negatieve brandkrommen (caustica\'s en anti-
caustica\'s); a. Geval van den cirkel.
f.     Andere meetkundige plaatsen {zie ook onder de klasse M).
16. Verschillende stellingen en constructies.
a.     In welke behalve punten en lijnen slechts één kegelsnee
voorkomt.
b.     In welke bovendien ook een of meer cirkels voor-
a.     Gemeenschappelijke punten en raaklijnen van twee kegel-
sneden; hierop betrekking hebbende eigenschappen; gemeen-
schappelijke pooldriehoek.
b.     Weerkeerige poolkromme van een kegelsnee met be-
trekking tot een andere; bijzondere gevallen.
C. Harmonisch in of om elkaar beschreven kegelsneden.
d.     Stellingen van Poncelet omtrent veelhoeken beschreven
in een kegelsnee en om een andere {ref. F 8 f /3 , K 11 c,
L»19e en L218 b).
e.     Andere eigenschappen,ax!*-w \'/v»^ <rf<<*^*j^ I^^j^JL^^^j,
18. Bundels en scharen van kegelsneden.
a.     Invarianten en covarianten van een bundel of schaar;
meetkundige beteekenis.
b.     Algemeene stellingen omtrent de kegelsneden van een
bundel of schaar; stelling van Desargues , enz.; gemeenschappe-
lijke pooldriehoek.
C. Verschillende meetkundige plaatsen: van de middelpun-
ten, van de brandpunten, van de toppen, enz. Verschillende
-ocr page 54-
L\'                                          — 42 —
omhullenden: van de assen, van de richtlijnen, van de asym-
ptoten, enz.
d.     Bijzondere eigenschappen van sommige bundels en scha-
ren ; a. Geval, waarin de bundel een cirkel bevat; /3. Bundel
van gelijkzijdige hyperbolen; 7. Schaar van parabolen; S. Bun-
delschaar van dubbelrakende kegelsneden.
e.   Gelijkvormige en gelijkstandige (homothetische) kegelsneden.
19. Confocale kegelsneden.
a.     Algemeene beschouwingen ; eigenschappen met betrekking
tot de raaklijnen.
b.     Eigenschappen met betrekking tot de normalen.
C. In een gegeven kegelsaee beschreven veelhoeken van een
gegeven aantal zijden en een maximum-omtrek; omgeschreven
veelhoeken met een minimum-omtrek (re/. F 8 f/3 en L\' 17 d).
d. Verschillende andere eigenschappen.
20. Netten en weefsels van kegelsneden.
a.     Invarianten en covarianten van netten en weefsels.
b.     Krommen van Jacobi en Cayley.
c.     Verschillende eigenschappen; cc. Merkwaardige netten en
weefsels.
21. Lineaire stelsels van kegelsneden, die van meer dan
twee parameters afhangen.
a.     Stelsels a,C, ajC2 a3C3 ct4Ct = o; a. Stelsels van
kegelsneden met een gemeenschappelijk brandpunt; j3. Andere
merkwaardige stelsels.
b.     Stelsels a, C, «»Ca ct3C3 a4C4 -f a5C5 =0; a. Dub-
bele stelsels van elkaar harmonisch in- en omgeschreven kegel-
sneden; /3. Andere merkwaardige stelsels (omtrent de theorie
der invarianten en covarianten van lineaire stelsels van kegel-
sneden
, cf. B 10 d; omtrent niet-lineaire stelsels, zie N41 b, C).
-ocr page 55-
— 43 -                                          L2
L*. — Kwadratische oppervlakken (oppervlakken van den
TWEEDEN GRAAD, VAN DE TWEEDE KLASSE).
1. Algemeene beschouwingen.
a.     Verschillende bepalingen en vergelijkingen; verschillende
uitdrukkingen van de voorwaarde, dat tien punten op een kwa-
dratisch oppervlak liggen; classificatie.
b.     Verschillende wijzen van voortbrenging.
e.     Projectieve transformatie van een kwadratisch oppervlak
in een ander {ref. P 1 c).
2. De kwadratische kegel en cylinder als oppervlakken van
den tweeden graad; de kegelsnee als oppervlak van de
tweede klasse; ontaarde kwadratische oppervlakken.
a.     Weerkeerige of supplementaire kegels ; poollijnen en pool-
vlakken.
b.     Focaalrechten en cirkeldoorsneden; verschillende eigen-
schappen.
C. Vlakke doorsneden; meetkundige plaatsen met betrekking
tot deze doorsneden.
d. Andere eigenschappen van den kegel, waarbij alleen pun-
ten, rechten en vlakken voorkomen.
6. Omwentelingskegels. Stelling van Dandelin.
f.     Bijzondere kegels : gelijkzijdige kegel; rechthoekige kegel;
kegel van Pappus; kegel van Hachette \'); enz.
g.     Spherische kegelsneden (zie M3 6 e).
h. De kegelsnee als oppervlak van de tweede klasse.
i. Kwadratische cylinders.
j. Het vlakkenpaar en het puntenpaar.
3. Polen en poolvlakken.
a.     Algemeene theorie ; toegevoegde punten, rechten en vlak-
ken. Beginsel van de methode der weerkeerige poolfiguren
(omtrent de reciprociteit in de ruimte, zie P 2).
b.     Poolviervlakken met betrekking tot een kwadratisch op-
pervlak.
J) Zie Th. Meyer\'s „ Ueber die Kegel des Pappus und des Hachette\'\' (Berlin 1884).
-ocr page 56-
                                          — 44 —
C. Verschillende eigenschappen met betrekking tot polen,
poollijnen en poolvlakken.
d. Polair stelsel in de ruimte ^.(ji^A- IPZaJ.
4. Middelpunten, middellijnen, assen, middelvlakken,
hoofdvlakken en asymptootkegels.
a.     Algemeene theorieën; vergelijking ter bepaling der assen;
lengte der assen, enz.
b.     Stellingen overeenstemmende met die van Apollonius
(cf. L1 3 b); verschillende eigenschappen der stelsels van toege-
voegde middellijnen.
C. Andere eigenschappen der middellijnen.
d. Eigenschappen met betrekking tot de asymptootkegels.
5. Vlakke doorsneden.
a.     Bepaling der vlakke doorsneden van een bepaalden aard;
complex der assen van de vlakke doorsneden (re/. N\'lha);
cirkeldoorsneden; navelpunten.
b.    Middelpuntsdoorsneden ; assen; brandpunten; verschillende
meetkundige plaatsen, die hiermee in verband staan.
C. Willekeurige doorsneden; assen; brandpunten; meetkun-
dige plaatsen van merkwaardige punten of rechten in de door-
sneden, die in een bepaald stelsel van vlakken liggen.
6, Raakvlakken en omgeschreven kegels.
a.     Verschillende stellingen en vraagstukken over raakvlakken.
b.     Omgeschreven kegels; meetkundige plaats der toppen
van omgeschreven kegels van bijzonderen aard; cc. Bol of
vlak van Monge (cf. L ■ 4 b) 2).
C. Assen en focaalrechten van een omgeschreven kegel; ver-
schillende meetkundige plaatsen.
d. Paren van raakvlakken, die met betrekking tot elkaar
aan zekere voorwaarde voldoen; overeenkomstige complexen
door de snijlijn doorloopen; a. Geval, waarin de twee raakvlak-
ken loodrecht op elkaar staan (zie N1 1).
\') Zie Reye\'s Geometrie der Lage, deel 2 , voordracht 9.
2) Zie Salmon\'s Geometry of three dimensions, 4de druk, blz. 77 (art. 93).
-ocr page 57-
L*
— 45 —
7. Beschrijvende rechten.
a.     Algemeene beschouwingen; opsporing der beschrijvende
rechten; verschillende eigenschappen.
b.     Meetkundige plaats der punten van het oppervlak, waar
deze aan een gegeven voorwaarde voldoen.
C. Intrekkingslijn (strictielijn).
d. Omwentelingsregelvlak.
8. Normalen.
a.     Algemeene eigenschappen van de congruentie der nor-
malen aan een kwadratisch oppervlak (ref. N2 1 f a).
b.     Normalen uit een punt; eigenschappen der voetpunten
dezer normalen.
c.     Verschillende stelsels van normalen; a. Normalen in een
vlak; /3. Normalen die een gegeven rechte ontmoeten; y. Nor-
malenregelvlak (Normalie) met een gegeven kegelsnee van het
oppervlak tot richtlijn; S. met een kromme van hoogeren dan
den tweeden graad tot richtlijn.
d.     Verschillende stellingen en vraagstukken.
9. Focaalkegelsneden.
a.    Algemeene beschouwingen; eigenschappen der focaalkegel-
sneden van een kwadratisch oppervlak en van de brandpunten
der hoofddoorsneden.
b.     Verschillende uitbreidingen van de stelling omtrent de som
of het verschil der brandpuntsafstanden van de punten eener
kegelsnee op de ruimte.
10. Confocale kwadratische oppervlakken.
a.     Algemeene beschouwingen; omgeschreven kegels met ge-
meenschappelijken top ; paren van raakvlakken door een rechte;
meetkundige plaats der polen van een vlak.
b.     Normalen en beschrijvende rechten.
C. Vlakke doorsneden van een confocaal stelsel; hierbij
-ocr page 58-
L*                                          — 46 —
voorkomende meetkundige plaatsen, congruenties en com-
plexen.
d.     Correspondeerende punten; stelling van Ivory.
e.     Eigenschappen met betrekking tot de focaalkegelsneden der
op een kwadratisch oppervlak gelegen kegelsneden; van een kwa-
dratisch oppervlak beschreven in een kwadratisch oppervlak.
f.     In een kwadratisch oppervlak beschreven veelhoek met
een gegeven aantal zijden en een maximum-omtrek; om een
dergelijk oppervlak beschreven veelhoek met minimum-omtrek.
g.    Andere eigenschappen van een stelsel van confocale op-
pervlakken.
11. Kromming en kromtelijnen.
a.     Bepaling van de assen der indicatrix en van de hoofd-
kromtestralen in een punt van een kwadratisch oppervlak.
b.     Verschillende eigenschappen met betrekking tot de kromte-
C. Kromtelijnen; verschillende bepalingen en wijzen van voort-
brenging.
d.     Verschillende stellingen omtrent de kromtelijnen.
e.     Oppervlak der krommingsmiddelpunten (zie M2 5 d /3).
f.     Kromtelijnen in de meetkunde van Cayley \')•
12. Geodetische lijnen.
a.     Differentiaalvergelijking; verschillende vormen dezer ver-
gelijking ; hoofdeigenschap.
b.     Metrische eigenschappen met betrekking tot navelpunten
en kromtelijnen.
C. Verschillende eigenschappen.
13. Op een kwadratisch oppervlak getrokken lijnen.
a.     Algemeene eigenschappen.
b.     Bijzondere kromme lijnen, die van de kromtelijnen, de
geodetische lijnen en de strictielijn verschillen.
c.     Bijzondere lijnen getrokken op een kegel; cc. op een
cylinder (omtrent de sckroeflijn, zie M4g).
\') Zie Mathematische Annalen, deel 4, blz. 573 of Clebsch\'s Vorlesungen uier
Geometrie
, deel 2 , blz. 474.
-ocr page 59-
— 47 —                                          L*
14. Stellingen betreffende een enkel kwadratisch
oppervlak.
a.     In welke alleen punten, rechten en vlakken voorkomen;
a. Uitbreidingen der stellingen van Pascal en Brianchon op de
ruimte.
b.     In welke ook één of meer bollen voorkomen.
15. Constructie van een oppervlak bepaald door negen
voorwaarden.
a.     Gegeven negen punten of negen raakvlakken.
b.     Gegeven negen paren van toegevoegde punten, of toe-
gevoegde vlakken.
C. Andere gevallen.
16. Uit een kwadratisch oppervlak afgeleide eenvoudige
meetkundige plaatsen.
a.     Positieve en negatieve voetpuntsoppervlakken.
b.     Oppervlakken, afgeleid met behulp van inversie (zie M* 4
f, g en i).
C. Evenwijdige oppervlakken.
d.     Conchoïd^ija^- oi«^*SL^(L*-o<~i&~~\'-
e.     Positieve en negatieve brandoppervlakken (caustica\'s en
anticaustica\'s); «. Geval van den bol.
f.     Andere meetkundige plaatsen (zie ook onder de klasse M).
17. Stelsel van twee kwadratische oppervlakken;
bundels en scharen.
a.     Snijkromme van twee oppervlakken (zie M3 6 b).
b.     Ontwikkelbaar oppervlak omschreven aan twee kwadra-
tische oppervlakken (zie M2 7 c a).
C. Weerkeerig pooloppervlak van een kwadratisch oppervlak
met betrekking tot een ander; bijzondere gevallen.
d. Verschillende stellingen en vraagstukken met betrekking
tot een stelsel van twee kwadratische oppervlakken; gemeen-
schappelijk poolviervlak; complex der rechten, wier weerkeerige
poollijnen elkaar snijden.
-ocr page 60-
Ls                                           — 48 —
e.     Harmonisch in en om elkaar beschreven oppervlakken;
harmonisch toegevoegde oppervlakken; a. Andere bijzondere
gevallen.
f.     Invarianten en covarianten van een bundel of schaar;
complex der rechten , die door twee kwadratische oppervlakken
harmonisch gesneden worden.
g.     Algemeene stellingen omtrent de oppervlakken van bun-
del of schaar; verschillende projectieve en metrische eigen-
schappen ; kegels van een bundel, kegelsneden van een schaar.
h. Verschillende meetkundige plaatsen, omhullenden, con-
gruenties en complexen, die met de oppervlakken van bundel
of schaar in verband staan. Ruimtekromme der middelpunten,
der toppen, enz. Oppervlak der focaalkegelsneden, der hoofd-
assen , enz. Ontwikkelbaar oppervlak omhuld door de hoofd-
vlakken, enz. Congruentie der beschrijvende rechten, enz. (zie
ook onder de klassen
M en N).
i. Bijzondere bundels en scharen; a. Bundels van opper-
vlakken , die elkaar in een of twee punten aanraken; /3. Bun-
delschaar van oppervlakken door vier rechten; y. van opper-
vlakken , die elkaar langs een kegelsnee aanraken; 8. Bundel,
die een bol bevat.
j. Gelijkvormige en gelijkstandige (homothetische) kwadra-
tische oppervlakken.
18. Stelsel van drie kwadratische oppervlakken;
netten en weefsels.
a.     Aan drie oppervlakken gemeenschappelijke punten en
raakvlakken; constructie van het achtste punt gemeen aan de
oppervlakken, die door zeven gegeven punten gaan.
b.     Verschillende eigenschappen en vraagstukken met be-
trekking tot een stelsel van drie oppervlakken; uitbreidingen
van de stellingen van Poncelet op de ruimte (ref. L\' 17 d).
c.     Invarianten en covarianten van een net en een weefsel;
meetkundige beteekenis.
d.     Punten, die met betrekking tot een net aan elkaar toe-
gevoegd zijn; kromme van Jacobi van een net (kernkromme
of kegeltoppenkromme); a. Omhullend oppervlak der kegels.
e.     Algemeene stellingen met betrekking tot de oppervlakken
van een net en de aan telkens twee van deze oppervlakken
-ocr page 61-
— 49 —                                           L*
gemeenschappelijke ruimtekrommen van den vierden graad
(bikwadratische krommen); u. Verschillende eigenschappen en
meetkundige plaatsen met betrekking tot merkwaardige bikwa-
dratische ruimtekrommen.
f.     Verband tusschen de theorie der oppervlakken van net of
weefsel en die der 28 dubbelraaklijnen van een vlakke kromme
van den vierden graad.
g.     Verschillende meetkundige plaatsen, omhullenden, con-
gruenties en complexen, die met de oppervlakken van net of
weefsel in verband staan. Oppervlak der middelpunten, der
toppen, enz. Congruentie der hoofdassen. Complex der be-
beschrijvende rechten (zie ook onder de klassen M en N).
19. Lineaire stelsels van kwadratische oppervlakken.
a.     Met drie parameters. Kernoppervlak of kegeltoppenop-
pervlak. et. Kwadratische oppervlakken door zes punten.
b.     Met vier parameters.
C. Met meer dan vier parameters [omtrent de theorie der in-
varianten en covarianten van deze stelsels, cf.
B 10 e).
d. Dubbele stelsels van harmonisch in en om elkaar be-
schreven kwadratische oppervlakken.
(Omtrent niet-lineaire stelsels zie N41 d).
20. Oppervlakte en volume van kwadratische opper-
vlakken.
a.     Oppervlakte.
b.     Volume.
21. Bijzondere eigenschappen van sommige kwadratische
oppervlakken.
a.     Paraboloïden; verschillende stelsels van paraboloïden.
b.     Gelijkzijdige en rechthoekige hyperboloïden; verschillende
stelsels.
C. Kwadratische omwentelingsoppervlakken; verschillende
stelsels.
d. Andere bijzondere kwadratische oppervlakken.
4
-ocr page 62-
M\'                                               —50 —
KLASSE M.
Stelkundige en enkele merkwaardige transcendente krommen en
oppervlakken 1).
M\'. — Stelkundige vlakke krommen.
1. Algemeene projectieve eigenschappen.
a. Bepaling van een kromme door punten of raaklijnen;
wijzen van voortbrenging; eigenschappen van het stelsel ge-
meenschapoeliike punten (of raaklijnen) van twee. krommen.
o. Veelvoudige punten en raaklijnen f\' bepaling van klasse
en geslacht eener kromme; graad en klasse van een veelvoudig
punt; formules van Plücker; cc. Verband in ligging tusschen
de veelvoudige punten eener zelfde kromme; (3. Stelkundige
betrekkingen tusschen de aantallen van bestaanbare veelvoudige
punten en raaklijnen.
C. Algemeene theorie der poolkrommen; krommen van Hesse,
Steiner en Cayley; cc. Buigpunten.
d.     Bundels en scharen; cc. Krommen voortgebracht door
de gemeenschappelijke punten van de overeenkomstige krom-
men van twee projectieve bundels; /3. Gevallen, waarin tusschen
de twee bundels een ander verband bestaat.
e.     Netten en weefsels; krommen van Jacobi en Hermite.
f.     Lineaire stelsels van stelkundige krommen, herleiding van
deze {omtrent niet-lineaire stelsels, zie N4 1 e).
g.     Toepassing van de theorie der vormen op de studie der
krommen van hoogeren dan den vierden graad {ref. B 8 c).
h. Studie der krommen met het oog op den vorm en de
bestaanbaarheid.
i. Verschillende projectieve eigenschappen.
2. Meetkunde op een kromme.
a. Meetkunde op een rechte; het correspondentiebeginsel
van Chasles 2); veelvoudige coïncidenties; cc. Algemeene invo-
\') Het algemeene onderzoek der krommen en oppervlakken van willekeurige
stelkundige of transcendente vergelijking, dat met behulp van differentiaal- en inte-
graalrekening geschiedt, valt onder klasse O.
J) Zie Clebsch\'s Vorlesungen uier Geometrie, deel 1 , blz. 210.
-ocr page 63-
— 5i —                                       M\'
luties van willekeurigen graad; bijzondere involuties van hooge-
ren dan den tweeden graad; /3. Puntengroepen op een rechte
(ref. P 1 a).
b.    Birationale transformatie van de ecne kromme in de andere;
behoud van het geslacht; moduli, normaalkrommen {ref. G 1 d)^x
c.    Snijpunten van een kromme met de bijgevoegde krom-
men \'); puntenstelsels ; «. Bijzondere stelsels ; stelling van Roch
en Riemann; (i. Bijgevoegde contactkrommen.
d.    Snijpunten met een willekeurige kromme ; contactkrommen.
e.    Toepassing van het correspondentiebeginsel op de meet-
kunde op een kromme ; coïncidenties ; uitbreiding van het begin-
sel {ref. N4 2 a).
f.    Opsporing der punten eener kromme, die aan een diffe-
rentiaalvergelijking voldoen.
g.    Andere eigenschappen en vraagstukken betreffende de
meetkunde op een kromme.
-r\\.. C_«r-v--r-«-e»i
IrT\' ^r 3. Metrische eigenschappen.
a.    Algemeene theorieën betreffende de bogen van stelkun-
dige krommen en hun zwaartepunt.
b.    Stellingen en vraagstukken over inhouden.            ,.
C. Stellingen en vraagstukken omtrent richtingen.^*<L-—&^.
d.    Stellingen en vraagstukken omtrent lengte van segmenten;
«. Transversalentheorie; stellingen van Newton en Carnot; ge-
volgen.
e.    Stellingen omtrent het zwaartepunt (centre des moyennes
distances) van sommige met de kromme in verband staande
puntenstelsels; omtrent de harmonische middelpunten. Dualistisch
tegenovergestelde beschouwingen ; reciproke stellingen. Middel-
punt van een kromme als pool der rechte in het oneindige *).
f.    Middellijnen en middelkrommen.
g.   Brandpunten; toegevoegde rechten van een gegeven punt \').
h. Asymptoten en asymptootkrommen.
\') „Adjungirte Curven", zie Clebsch\'s Vorlesungtn Hier Geometrie, deell, blz. 429.
\') Hierbij denkt men zich de kromme door haar tangentiëele vergelijking be-
paald; elke rechte heeft dan slechts één pool.
3) Deze door Chasles ingevoerde rechten zijn de bestaanbare verbindingslijnen
der toegevoegd onbestaanbare snijpunten van de gegeven kromme met een cirkel, die
het gegeven punt tot middelpunt en een straal nul heeft.
4*
-ocr page 64-
M\'                                          — 52 —
i. Verschillende vraagstukken betreffende de normalen; ge-
meenschappelijke normalen van twee krommen; a. Ontwonde-
nen; ontwindenden en andere dergelijke krommen; /3. Eigen-
schappen met betrekking tot kromtecirkel en kromtestraal;
y. In een punt vier- en meerpuntig aanrakende kegelsneden en
andere krommen; 8. Schuine poolkrommen \').
j. Stelkundige beschouwing van eenvoudige krommen uit een
stelkundige kromme afgeleid; algemeene beschouwingen en
voorbeelden; a. Positieve en negatieve voetpuntskrommen;
/3. Evenwijdige krommen; 7. Meetkundige plaats der punten,
waaruit men aan een of meer stelkundige krommen raaklijnen
trekken kan, die ten opzichte van elkaar een bepaalde eigen-
schap vertoonen; 8. Conchoïden; e. Positieve en negatieve
brandkrommen (caustica\'s en anticaustica\'s).
k. Verschillende metrische eigenschappen; merkwaardige
punten, rechten en richtingen met betrekking tot een stelkun-
dige kromme. ~&i*^
4. Krommen uit het oogpunt van het geslacht beschouwd.
a.     Rationale (of unicursale) krommen; verschillende wijzen
van voortbrenging; «. Krommen van den micn graad met een
(m — l)-voudig punt.
b.     Krommen van het geslacht één (cf. F 8 g.)
C. Krommen van het geslacht twee.
d.     Hyperelliptische krommen 2).
e.     Andere krommen, waarop merkwaardige puntengroepen
voorkomen.
f.     Krommen, waarvan de coördinaten der punten zich door
middel van verschillende functies laten uitdrukken.
5. Krommen van den derden graad of van de derde klasse.
a.     Rationale krommen; algemeene beschouwingen ; construc-
tie ; wijs van voortbrenging; classificatie. In- en omgeschreven
veelhoeken.
b.     Hypocycloïde met drie keerpunten./z^ M.X«-j-
\') Zie het Bulletin des sciences mathcmatiqttes, reeks 2, deel 2, blz. 41 en
372 (1878).
2) Zie Wiener Sitoungsberichte, deel 93, blz. 601 (1886) en Mathematische
Annalen,
deel 29, blz. 386.
-ocr page 65-
M<
— 53 —
C. Bijzondere rationale krommen van den derden graad:
a. Strophoïden, focaalkromme van Quetelet; /3. Cissoïde.
d.     Krommen van den derden graad of de derde klasse en
van het geslacht één. Algemeene beschouwingen. Voortbren-
ging, classificatie; a. naar de asymptoten; [3. naar de brand-
punten en op andere wijzen.
e.     Snijpunten van een kubische kromme met een andere
stelkundige kromme; eigenschappen van de in een rechte of
op een kegelsnee gelegen punten; a. Buigpunten {ref. A 4 d);
/3. Sextactische punten (kegelsneebuigpunten); y. Andere merk-
waardige punten; 8. In- en omgeschreven veelhoeken.
f.     Stelsels van in drie punten rakende kegelsneden ; a. Kegel-
sneden , die in twee punten een driepuntige aanraking hebben.
g.     Polen en poolkrommen; krommen van Hesse (Steiner)
en Cayley; a. Steiner\'sche puntenparen.
h. Andere algemeene stellingen en vraagstukken betreffende
krommen van den derden graad of de derde klasse.
i. Bundels of scharen van krommen van den derden graad
of de derde klasse; «. Constructie van het negende punt;
/3. Bundel van krommen met gemeenschappelijke buigpunten
(syzygetische bundel); y. Netten of weefsels van krommen van
den derden graad of de derde klasse.
j. In varianten en co varianten (ref. B 8 a).
k. Bijzondere krommen van den derden graad of van de
derde klasse; u. Circulaire\') krommen; /3. Rationale circulaire
krommen (voetpuntskrommen van de parabool).
6. Krommen van den vierden graad of van de
vierde klasse.
a.     Rationale krommen; algemeene beschouwingen.
b.     Bijzondere rationale krommen ; a. Lemniscaat; /3. Krom-
men, waarvan de dubbelpuntsraaklijnen tevens buigpuntsraak-
lijnen zijn (krommen met drie fleflecnodaalpunten); y. Ontwon-
denen der kegelsneden (cf. L\' 5 e); 8. Bicirculaire \') rationale
krommen (ref. M\' 6 h).
C. Krommen van het geslacht één; algemeene beschouwin-
\') Een kromme is circulair als ze door de cyclische punten gaat, Mcirculair als
ze dit tweemaal doet.
-ocr page 66-
M<                                          -54-
gen; niet in een der volgende groepen begrepen eigenschappen.
d.     Bicirculaire krommen beschouwd als anallagmatische (in
zich zelve transformeerbare) krommen; dubbelraaklijnen; defe-
renten; richtcirkels; brandpunten; confocale krommen; «. Krom-
men met twee dubbelpunten uit hetzelfde oogpunt beschouwd.
e.     Ingeschreven kegelsneden; stelsels van toegevoegde pun-
ten; a. Steiner\'sche puntenparen.
f.     Spirische krommen (bicirculaire krommen met symme-
trie-as); verschillende wijzen van voortbrenging; eigenschappen ;
et. Spirische krommen met twee symmetrie-assen.
g.     Cartesiaansche krommen (bicirculaire krommen, die in
elk der cyclische punten een keerpunt hebben).
h. Limacon van Pascal; a. Cardioïde.
i. Cassini\'sche krommen (bipolaire vergelijking uv = const.)
j. Andere bijzondere bicirculaire krommen.
k. Krommen van den vierden graad of de vierde klasse en
van het geslacht twee; cc. Dubbelraaklijnen.
J. Algomocnc Krommen van den vierden graad of de
vierde klasse; «. Dubbelraaklijnen; /3. Invarianten en covari-
anten (ref. B 8 b).
7.     Krommen van hoogeren graad of klasse dan den
vierden.
a.     Krommen van den vijfden graad of de vijfde klasse.
b.     Krommen van den zesden graad of de zesde klasse.
C. Krommen van hoogeren graad of klasse dan den zesden.
8.     Bijzondere soorten van krommen; merkwaardige
krommen.
a.     Gewone, verlengde of verkorte , stelkundige epicycloïden
en hypocycloïden (fff. M\' 5 b); a. Hypocycloïde met vier keer-
punten.
b.     Richtingskrommen.\')
C. Isotropische krommen (die buiten de cyclische punten
geen punten in het oneindige hebben).
\') Zie Comptes rendus, deel 94, blz. 779, enz. (1882), Nouvtllts Atmales,
reeks 3, deel 2, blz. 97 (1883) en Journal dt l EcoU Polytechniyue, cah. 5<">,
blz. 247 (1886).
-ocr page 67-
— 55—                                       MV
d.     De krommen pm = am cos mO.
e.     De krommen I —) I —I = k en I—j I —] == k.
f.     Krommen, waarvoor de producten van de afstanden der
punten tot • twee reeksen van vaste polen een gegeven ver-
houding hebben; orthogonale trajectoren dezer krommen; bij-
zondere gevallen; a. Cassinoïden\') en stelloïden.*)
g.     Verschillende andere stelkundige krommen en groepen
van deze.
M*. — Stelkundige oppervlakken.
1. Projectieve eigenschappen.
a.     Bepaling van een oppervlak door punten; graad, klasse,
rang van een oppervlak; wijzen van voortbrenging; stellingen
over de aan drie oppervlakken gemeenschappelijke punten;
a. Stellingen omtrent de snijkromme van twee oppervlakken;
geslacht, schijnbare dubbelpunten ; ontwikkelbaar oppervlak om-
schreven aan twee oppervlakken;[o^ /,__,».<,-S-£< o.ü^^s-^v^
b.     Veelvoudige punten en krommen; geslacht; raakvlakken
en bijzondere raaklijnen.
C. Theorie van polen en pooloppervlakken; oppervlakken
van Hesse en Steiner; «. Kromme der spinodaalpunten.
d.     Stelkundige krommen op een oppervlak; a. Stelkundige
oppervlakken, waarop gegeven stelkundige krommen of groe-
pen van krommen gelegen zijn.
e.     Bundels en scharen, netten en weefsels en drievoudig
oneindige lineaire stelsels van oppervlakken; krommen en op-
pervlakken van Jacobi en van Hermite.
f.     Algemeene lineaire stelsels van oppervlakken (omtrent niet-
lineaire stelsels
, zie N41 e).
g.     Correspondentiebeginsel in het vlak en op de oppervlak-
ken {ref. N4 2 a).
h. Andere projectieve eigenschappen.
*) De krommen p*°\' — 2a"pm Cos m9 ■ ■ «*" = b*1", waarbij m > 2 is (Journal
dt
Liouville, deel 13, blz. 38, 1848).
2) Zie Comptes rendus, deel 106, blz. 195 (1888).
-ocr page 68-
-56-
M*
2. Metrische eigenschappen.
a.     Eigenschappen betreffende de oppervlakte van opper-
vlakken.
b.     Eigenschappen betreffende het volume.
C. Eigenschappen omtrent richtingen.
d.     Eigenschappen omtrent lengte van segmenten; a. Trans-
versalentheorie.
e.     Stellingen omtrent de zwaartepunten (centres des moyen-
nes distances) van sommige met een oppervlak in verband
staande puntenstelsels; omtrent de harmonische middelpunten.
Dualistisch tegenovergestelde beschouwingen; reciproke stellin-
gen. Middelpunt van een oppervlak als pool van het vlak in
het oneindige beschouwd \').
f.     Middellijnen, middelvlakken, middelkrommen, middel-
oppervlakken.
g.     Focaalkrommen en focaaloppervlakken.
h. Verschillende vraagstukken betreffende de normalen; aan
twee oppervlakken gemeenschappelijke normalen; cc. Meetkun-
dige plaats der hoofdkrommingsmiddelpunten; /3. Eigenschappen
betreffende de hoofdkromtestralen en de kromming ; y. Schuine
pooloppervlakken 2).
i. Stelkundige beschouwingen omtrent uit een stelkundig opper-
vlak afgeleide eenvoudige oppervlakken; algemeene beschouwingen
en voorbeelden; u. Positieve en negatieve voetpuntsoppervlak-
ken; j3. Evenwijdige oppervlakken; y. Conchoïdale oppervlak-
ken ; B. Positieve en negatieve brandoppervlakken (caustica\'s
en anticaustica\'s).
j. Opsporing en onderzoek van uit een metrisch oogpunt
bijzondere stelkundige krommen, die men op een oppervlak
trekken kan; doorsneden met een bol.
k. Andere metrische eigenschappen en met betrekking tot
een oppervlak merkwaardige punten, lijnen en vlakken. A«.*-^
3. Oppervlakken van den derden graad,
a.
Regelvlakken; algemeene beschouwingen; verschillende
\') Zie de noot bij M\' 3 e.
s) Zie de noot bij M>3 \\ t.
-ocr page 69-
M2
— 57 —
wijzen van voortbrenging en constructie; cc. Bijzondere Op-
pervlakken; oppervlak van Cayley.
b. Algemeene kubische oppervlakken; algemeene beschou-
wingen ; verschillende wijzen van voortbrenging en constructie;
afbeeldingen op een plat vlak.
C. Theorie der polen en pooloppervlakken; oppervlak van
Hesse (Steiner); toegevoegde punten van dit oppervlak; pool-
zesvlakken; vijfvlak van Sylvester.
d.     De 27 rechten (ref. A 4 d); cc. Classificatie der opper-
vlakken naar de bestaanbaarheid dezer rechten.
e.     De 27 stelsels van kegelsneden; u. Ruimtekrommen van
den derden en vierden graad gelegen op het oppervlak; |3. An-
dere stelkundige krommen op het oppervlak.
f.     Andere eigenschappen der kubische oppervlakken.
g.     Invarianten en covarianten; ontbinding van de algemeene
vergelijking in een som van vijf kuben (ref. B 9 a).
h. Bijzondere kubische oppervlakken; cc. Diagonaaloppervlak
van Clebsch; j3. Oppervlakken met dubbelpunten.
4. Oppervlakken van den vierden graad.
a.     Regelvlakken van den vierden graad met een drievoudige
rechte.
b.     Regelvlakken van den vierden graad met een kubische
dubbelkromme ; cc. Geval, waarin deze dubbelkromme ontaardt
in kegelsnee en rechte lijn; j3. in drie rechten.
C. Regelvlakken van den vierden graad met twee elkaar
kruisende dubbelrechten.
d. Oppervlak van Steiner (cf. M2 5 b).
6. Oppervlakken van den vierden graad met een dubbel-
kegelsnee (ref. M29d/3); algemeene beschouwingen; de zestien
rechten; afbeelding op een plat vlak; cc. Geval, waarin de
dubbelkegelsnee een meetkundige plaats van keerpunten is;
/3. Geval, waarin ze ontaardt in twee rechten ; -y. Oppervlakken
met dubbelpunten.
f.     De cycliden beschouwd als anallagmatische oppervlakken;
deferenten, richtbollen; cirkeldoorsneden; focaalkrommen; con-
focale cycliden; kromtelijnen.
g.     Kwadratische oppervlakken beschreven in een cyclide;
-ocr page 70-
M*                                          — 58 —
stelsels van toegevoegde punten; doorsneden met vlakken en
bollen; ingeschreven cycliden, enz.
h. Eigenschappen der normalen en andere algemeene eigen-
schappen van cycliden (re/. N\' 2 d).
i. Bijzondere cycliden: a. Cartesiaansche cycliden; /3. Cy-
clide met twee duppelpunten; y. Cyclide van Dupin; $. Ring-
oppervlak (toor).
j. Oppervlakken van den vierden graad met een dubbelrechte.
k. Oppervlak van Kummer met zestien dubbelpunten.
1. Golfoppervlak en tetraëdroïde van Cayley.
m. Oppervlakken van den vierden graad met van één tot
vijftien dubbelpunten,* ei. JSco^^^^^, ^n^u. ^^^vk^x^ ,
n. Algemeen oppervlak van den vierden graad; invarianten
en co varianten (ref. B 9 b); a. Oppervlak zonder dubbelpunt,
waarop een of meer rechten liggen.- jh, J^JU*~ fkfar^Ju-^ «u, s
5. Oppervlakken van de derde en vierde klasse.
a.     Oppervlakken van de derde klasse; algemeene beschou-
wingen.
b.     Bijzondere oppervlakken (omtrent het oppervlak van Stei-
ner, zie M2 4 d).
C. Oppervlakken van de vierde klasse; algemeene beschou-
wingen.
d. Bijzondere oppervlakken; «.In een kwadratischen kegel
dubbel ingeschreven oppervlak van de vierde klasse met den
onbestaanbaren cirkel in het oneindige tot dubbelkromme;
f3. Oppervlak der krommingsmiddelpunten van een kwadratisch
oppervlak (cf, L2 11 e).
6. Oppervlakken van den vijfden en zesden graad.
a.     Regelvlakken van den vijfden graad.
b.     Algemeen oppervlak van den vijfden graad; a. Bijzon-
dere oppervlakken met veelvoudige krommen.
C. Algemeen oppervlak van den zesden graad; a. Bijzon-
dere oppervlakken.
7. Regelvlakken.
a,
Stelkundige regelvlakken; algemeene eigenschappen;
-ocr page 71-
59 —                                          M1
graad van het oppervlak voortgebracht door de beweging eener
over drie richtlijnen glijdende rechte; oppervlak der drievou-
dige koorden van een ruimtekromme {zie M\'lb); meetkunde
op een regelvlak.
b. Bijzondere regelvlakken {ref. M2 3a; M2 4 a, b, c; M2 6 a);
cc. Quadricuspidale en quadrispinale oppervlakken \'); /3. Opper-
vlak met drie kegelsneden tot richtlijnen; y. Verschillende co-
noïden; 8. Rationale en elliptische oppervlakken.
C. Stelkundige ontwikkelbare oppervlakken; cc. Ontwikkel-
baar oppervlak omschreven aan twee kwadratische oppervlakken
{cf. L2 17 b); /3. Ontwikkelbaar oppervlak omhuld door de
kromtevlakken eener kubische ruimtekromme {cf. M3 5 c).
d. Stelkundige kegels; algemeene projectieve en metrische
eigenschappen ; focaalrechten; a. Stelkundige cylinders.
8. Oppervlakken uit het oogpunt der afbeelding en der
birationale transformaties beschouwde-r*-4 ■ G-1).
a.     Rationale oppervlakken; algemeene beschouwingen.
b.     Bijzondere rationale oppervlakken, die niet in de groe-
pen 3, 4, 5, 6 begrepen zijn.
C. Oppervlakken, waarvan alle vlakke doorsneden een ge-
geven geslacht hebben; cc. het geslacht nul; /3. het geslacht één.
d.     Oppervlakken, waarvan de coördinaten der punten door
0-functies met twee parameters kunnen worden uitgedrukt; bij-
zondere gevallen.
e.     Andere groepen van oppervlakken, waarvan de coördi-
naten van een willekeurig punt zich in merkwaardige functies
van twee parameters laten uitdrukken; cc. Geval der hyper-
Fuchs\'sche functies {zie G 6 b).
f.     Birationale transformatie van een oppervlak in een ander;
behoud der twee geslachtsgetallen; moduli; normaaloppervlakken.
g.     Doorsnijding van een oppervlak met de bijgevoegde op-
pervlakken a).
\') Zie Comptes renJus, deel 6o, blz. 178; deel 61, blz. 116 (1865); deel 62,
blz. 78 (1866); de la Gournerie\'s „Sur les surfaces régltes" (Paris, Gauthier—
Villars, 1867) en Mathematische Annalen, deel 12, blz. 77,
J) Zje de noot bij M\' 2 C,
-ocr page 72-
— 60 —
MV
9. Bijzondere groepen van oppervlakken; merkwaardige
oppervlakken.
a.     Richtingsoppervlakken.\')
b.     Isotropische oppervlakken (die met het vlak in het on-
eindige buiten den onbestaanbaren cirkel niets gemeen hebben).
C. De oppervlakken
(f)mH - (-fMf HiH
d.     Door kegelsneden voortgebrachte oppervlakken; cc. Geval
van den cirkel; /3. Oppervlakken door de omwenteling van een
kegelsnee voortgebracht (ref. M2 4 e).
e.     Andere bijzondere oppervlakken; stelkundige minimaal-
oppervlakken (zie O 6 h).
M3. — Stelkundige ruimtekrommen.
1.     Projectieve eigenschappen.
a.     Graad , rang, klasse; raaklijnen en kromtevlakken ; graad
en klasse van het ontwikkelbaar oppervlak der raaklijnen; sta-
tionaire kromtevlakken; veelvoudige punten; uitbreiding der
formules van Plücker op de ruimte (Cayley, Cremona).
b.     Twee-, drie- en viervoudige snijlijnen (koorden, drie- en
zesvoudige koorden); schijnbare dubbelpunten ; dubbelraakvlak-
ken en drievoudige raakvlakken (cf. M2 7 a).
C. Polen en poolvormingen met betrekking tot een ruimte-
kromme.
d.     Meetkunde op een ruimtekromme; puntenstelsels; bijge-
voegde oppervlakken 2), enz.
e.     Andere projectieve eigenschappen.
2.     Metrische eigenschappen.
a.     Eigenschappen betreffende bogen en oppervlakte.
b.     Eigenschappen betreffende richtingen en lengte.
•) Zie de noot bij M1 8 b.
*) Zie de noot bij M1 2 0.
-ocr page 73-
— 6i —                                         
C. Stellingen omtrent zwaartepunten (centres des moyennes
distances) en omtrent harmonische middelpunten. Dualistich
tegenovergestelde beschouwingen; reciproke stellingen.
d.     Normalen; binormalen; kromtecirkel, kromtebol, kromte-
schroeflijn; cc. Ontwondenen en ontwindenden; )3. Omhullend
oppervlak van het normaalvlak.
e.     Andere metrische eigenschappen.
3. Classificatie der ruimtekrommen van gegeven graad.
Algemeene beschouwingen; bijzondere krommen.
4. Ruimtekrommen uit het oogpunt van het geslacht
beschouwd.
a.     Krommen van het geslacht nul.
b.     Krommen van het geslacht één {cf. F 8 g).
c.     Krommen van het geslacht twee; a. Hyperelliptische
krommen \').
5. Kubische ruimtekrommen.
a.     Bepalingen ; wijzen van voortbrenging ; classificatie ; alge-
meene beschouwingen ; projectieve transformatie van een kubische
ruimtekromme in een andere ; constructie van door twaalf voor-
waarden bepaalde kubische ruimtekrommen.
b.     Koorden en assen (lijnen in twee kromtevlakken); dub-
belverhouding van vier punten.
C. Kwadratische oppervlakken, die door de kromme gaan
of in het door haar kromtevlakken omhulde ontwikkelbaar
oppervlak beschreven zijn; cc. Kegelsneden van het ontwikkel-
baar oppervlak (zie M2 7 C /3); /3. Kwadratische omwentelings-
oppervlakken door de kromme; y. Kegels en cylinders door
de kromme.
d.     Toegevoegde puntenparen of vlakkenparen.
e.     Polen en poolvlakken (ref. N\' 1 b en k); middellijnen;
hoofdas.
•) Zie de noot bij M\' 4 d.
-ocr page 74-
M\\*                                       — 62 —
f.     Focaalrechten; focaalpunten ; orthogonaalpunten, orthogo-
naaloppervlak \').
g.     Stellingen met betrekking tot zeven, acht of negen pun-
ten eener kubische ruimtekromme.
h. Bijzondere kubische ruimtekrommen; cc. Ruimteparabool;
/3. Gelijkzijdige ruimtehyperbool.
i. Betrekkingen tusschen twee of meer kubische ruimtekrom-
men. Gemeenschappelijke koorden en assen.
j. Bundels, netten en andere stelsels van kubische ruimte-
krommen.
6. Andere ruimtekrommen.
a.     Rationale ruimtekromme van den vierden graad.
b.     Ruimtekromme van den vierden graad en van het geslacht
één (bikwadratische ruimtekromme); algemeene beschouwingen;
toegevoegde punten; Steiner\'sche puntenparen (cf. L\'2 17 a);
cc. Bijzondere bikwadratische ruimtekrommen.
C. Bijzondere eigenschappen der cyclische ruimtekromme
(bikwadratische ruimtekromme op een bol).
d.     Bijzondere cyclische krommen; «. Cartesiaansche krom-
men ; /3. Cassini\'sche krommen.
e.     Spherische kegelsneden (cf. L2 2 g*).
f.     Ruimtekrommen van den vijfden graad.
g*. Ruimtekrommen van den zesden graad.
h. Stelkundige krommen op den bol. Classificatie.
i. Andere merkwaardige stelkundige ruimtekrommen.
M4. — Transcendente krommen en oppervlakken.
a.     Cycloïde; «. Epicycloïden en hypocycloïden.
b.     Kettinglijn; «. Tractrix.
C.    Ontwindende van den cirkel; a. Spiraal van Archimedes.
d.     Logarithmische spiraal.
e.     Verschillende andere spiralen.
f.      Quadratrixen.
g.     Cylindrische schroeflijn.
h. Loxodromische lijn op den bol.
\') Zie H. Kröger\'s „Die Focaleigenscka/ten der eubisehen Raumcurven" (Bres-
lau, 1885).
-ocr page 75-
— 63 —                                  MS N\'
i.     Schroefvlak met vierkanten draad.
j.     Schroefvlak met driehoekigen draad.
k.    Ontwikkelbaar schroefvlak.
1.     Alysseïde of catenoïde (omwentelingsoppervlak der ket-
tinglijn).
m.   Andere bijzondere transcendente krommen.
n.    Andere bijzondere transcendente oppervlakken.
KLASSE N.
Complexen en congruenties; connexen; niet-lineaire stelsels van krom-
men en oppervlakken; meetkunde van het aantal.
N1. — Complexen.
1. Stralencomplexen.
a.     Algemeene beschouwingen over de stralencomplexen ; bij-
zonderheden van complexkegels en complexkrommen.
b.   Lineaire stralencomplexen; wijzen van voortbrenging; soor-
ten; polen en pool vlakken {ref. M3 5 e); toegevoegde rechten
en toegevoegde complexen van een complex; middellijnen en
hoofdas; andere eigenschappen van een complex.
C. Lineaire stralencomplexen in involutie. Bundels, netten
en lineaire stelsels van stralencomplexen.
d.     Bijzondere lineaire complexen.
e.     Kwadratische stralencomplexen; wijzen van voortbrenging;
classificatie; poollijn en poolcongruentie van een gegeven rechte;
middellijnen; pool van een vlak; middelpunt.
f.     Kegels en kegelsneden van een kwadratisch stralencom-
plex; bijzondere kegels en kegelsneden. Andere oppervlakken
en krommen van het complex.
g.     Bijzondere punten, rechten en vlakken van het kwadra-
tisch complex. Singulariteitenoppervlak.
h. Tetraëdraal complex (van Reye); wijzen van voortbren-
ging; eigenschappen; a. Complex der assen van de op een
kwadratisch oppervlak gelegen kegelsneden (ref. Ls 5 a); j3. Com-
plex der assen van een lineair stelsel van lineaire stralencom-
plexen.
i. Andere bijzondere kwadratische stralencomplexen.
-ocr page 76-
N« ■                                       — 64 —
j. Stralencomplexen van hoogeren dan den tweeden graad;
u. Complex der beschrijvende rechten van een net van kwadra-
tische oppervlakken (ref. L2 18fl); j3. Complex der rechten, die
door drie kwadratische oppervlakken volgens drie puntenparen
eener involutie gesneden worden.
k. Krommen, waarvan de raaklijnen tot een complex behoo-
ren, a- Kubische ruimtekrommen, waarvan de raaklijnen deel
uitmaken van een lineair complex.
2. Bollencomplexen.
a.     Algemeene beschouwingen; puntbollen en vlakbollen van
een complex.
b.     Lineair bollencomplex.
C. Kwadratische bollencomplexen; wijze van voortbrenging;
algemeene eigenschappen; classificatie. Toegevoegde bollen.
Poolfiguur van den bol. Weerkeerige poolfiguren. Rakende
lineaire complexen.
d.     De cyclide als meetkundige plaats der puntbollen van een
kwadratisch bollencomplex; omhullend oppervlak der vlakbollen
van een kwadratisch bollencomplex. Bundels van bollen en
cirkels van het complex.
e.     Bijzondere kwadratische bollencomplexen; «. Concyclische
complexen (bollencomplexen met dezelfde cyclide als meetkun-
dige plaats der puntbollen); /3. Confocale bollencomplexen.
f.     Bollencomplexen van hoogeren dan den tweeden graad;
a. Bollen, die een cyclide aanraken {ref. M2 4 f).
3. Krommencomplexen.
a.     Kegelsnedencomplex ; a. Lineaire kegelsnedencomplexen;
/3. Cirkelcomplexen.
b.     Krommencomplexen van anderen aard.
4. Oppervlakken complexen.
a.     Complexen van kwadratische oppervlakken; et. Lineaire
complexen.
b.     Complexen van andere oppervlakken.
-ocr page 77-
— 65 —                                           
Na. — Congruenties.
1.     Stralencongruenties.
a.    Algemeene beschouwingen over stralencongruenties; bij-
zondere punten en vlakken; focaaloppervlakken en richtkrom-
men- J^-^utu, ~*~-
b.  . Ontwikkelbare oppervlakken gevormd door de stralen
eener congruentie (ref. O 5 k, O 7 b).
c.    Congruenties van den eersten graad en de eerste klasse;
wijze van voortbrenging; classificatie; verschillende eigenschap-
pen ; a. Bijzondere congruenties.
d.    Congruenties van den eersten graad en de tweede klasse
of omgekeerd; wijze van voortbrenging; eigenschappen.
e.    Congruenties van den tweeden graad en de tweede klasse;
wijze van voortbrenging ; eigenschappen. Focaaloppervlak;
a. Bijzondere congruenties met een of twee dubbellijnen.
f.    Congruenties van den tweeden graad en hoogere dan de
tweede klasse. Focaaloppervlakken. Congruenties van de tweede
klasse en hoogeren graad; a. Normalen van een kwadratisch
oppervlak {ref. L2 8 a); j3. Beschrijvende rechten der kwadratische
oppervlakken eener schaar.
g.    Andere stralencongruenties; cc. Bijzondere congruenties
van hoogeren graad en klasse dan den tweeden.
2.    Bollencongruenties.
a.    Algemeene beschouwingen; puntbollen en vlakbollen der
congruentie ; omhullend oppervlak der bollen van de congruentie.
b.    Netten van bollen.
C. Kwadratische congruentie; wijze van voortbrenging en
eigenschappen. Omhullende cycliden.
d. Andere bollencongruenties ; a. Dubbelrakende bollen van
een ruimtekromme of van een oppervlak.
3. Krommencongruenties.
a.    Kegelsnedencongruenties; a. Cirkelcongruenties.
b.    Congruenties van kubische ruimtekrommen.
5
-ocr page 78-
N», », *                                  — 66 —
C. Congruenties van andere krommen.
d. Voorwaarden, dat alle krommen eener congruentie lood-
recht staan op een of meer oppervlakken; toepassingen.
N3. --- CONNEXEN. *)
a.     Vlakke connexen; algemeene beschouwingen ; toegevoegde
connexen; coïncidenties.
b.     Connexen van den eersten graad en de eerste klasse;
cc. Bijzondere connexen.
C. Connexen van den eersten graad en de tweede klasse en
omgekeerd.
d.     Connexen van den tweeden graad en de tweede klasse.
e.     Andere vlakke connexen.
f.     Ruimteconnexen.
N4. ---- NlET-LINEAIRE STELSELS VAN KROMMEN EN OPPERVLAKKEN;
MEETKUNDE VAN HET AANTAL.
1. Stelsels van krommen en oppervlakken.
a.     Algemeene beschouwingen over de karakteristiekentheorie
voor stelsels van kegelsneden en kwadratische oppervlakken.
b.     Niet-lineaire stelsels van kegelsneden in het vlak {omtrent
lineaire stelsels van kegelsneden, zie
L\' 21); cc. Kegelsneden,
die twee gegeven kegelsneden dubbel raken.
C. Stelsels van kegelsneden in de ruimte.
d.     Niet-lineaire stelsels van kwadratische oppervlakken (om-
trent lineaire stelsels van kwadratische oppervlakken
, zie L219).
e.     Niet-lineaire stelsels van krommen in het vlak of in de
ruimte en van oppervlakken van hoogeren dan den tweeden
graad {omtrent lineaire stelsels van krommen en oppervlakken,
zie
M\' 1 f, M3 5 j en M31 f).
f.     Stelsels van krommen met twee karakteristieken, bepaald
door een differentiaalvergelijking van de eerste orde.
g.     Stelsels van oppervlakken met twee karakteristieken
(implexen), bepaald door een partiëele differentiaalvergelijking
van de eerste orde.
\') Zie Clebsch\'s Vorlesungen uier Geometrie, deel 1, blz. 924.
-ocr page 79-
-67-
N*
h. Stelsels van oppervlakken met drie karakteristieken, be-
paald door twee partiëele differentiaalvergelijkingen van de
eerste orde.
2. Meetkunde van het aantal.
a.     Incidentie- en coïncidentieformules, correspondentiebe-
ginsel (re/. M\' 2 a en e, M2 1 g).
b.     Formules betreffende den graad der vlakke kromme be-
schreven door een punt en de klasse der vlakke kromme om-
huld door een rechte, beide behoorende tot een in haar vlak
veranderlijke figuur (met één graad van veranderlijkheid).
C. Het overeenkomstige voor ruimtekromme en ontwikkel-
baar oppervlak, voortgebracht door een punt en een vlak, beide
behoorende tot een veranderlijke ruimtefiguur (met één graad
van veranderlijkheid).
d.     Het overeenkomstige voor de beide oppervlakken voort-
gebracht door punt en vlak, beide behoorende tot een veran-
derlijke ruimtefiguur (met twee graden van veranderlijkheid).
e.     Onderzoek naar den graad van een stralencomplex of
een regelvlak voortgebracht door de beweging van een rechte
volgens een bekende wet.
f.     Onderzoek naar graad en klasse van een op overeenkom-
stige wijze voortgebrachte stralencongruentie.
g.     Onderzoek naar het aantal rechten, die aan vier gegeven
voorwaarden voldoen.
h. Onderzoek naar het aantal kegelsneden in een vlak, die
aan vijf gegeven voorwaarden voldoen.
i. Het overeenkomstige voor de kegelsneden in de ruimte,
die aan acht gegeven voorwaarden voldoen.
j. Onderzoek naar het aantal kwadratische oppervlakken,
die aan negen gegeven voorwaarden voldoen.
k. Onderzoek naar het aantal krommen of oppervlakken van
hoogeren dan den tweeden graad en van een bepaalde soort,
die aan het bepalend aantal voorwaarden voldoen; «. Geval
der kubische ruimtekrommen.
1. Onderzoek naar het aantal der figuren van een bepaalde
soort, die aan zekere gegeven voorwaarden voldoen; a. Ge-
vallen , waarin dit aantal nul is.
5*
-ocr page 80-
O                                        — 68 —
KLASSE O.
Meetkunde der oneindig kleinen en kinematische meetkunde; meetkundige
toepassingen van differentiaal- en integraalrekening op de theorie van krom-
men en oppervlakken; kwadratuur en rectificatie; kromming; asympto-
tische, geodetische en kromtelijnen; inhoud; oppervlakte; volume; mini-
maaloppervlakken; orthogonale stelsels.
1. Meetkunde der oneindig kleinen (differentiaalmeetkunde).
Hoofdbeginselen en algemeene beschouwingen; oneindig kleine
aangroeiingen van een lengte, van een hoek; oneindig kleine
driehoeken en veelhoeken; maxima en minima, enz.
2. Krommen in het vlak en op den bol.
a.    Inhoudend a. Krommen, wier inhoud een gegeven functie
is van een parameter; /3. Zwaartepunten van inhouden.
b.    Raaklijnen; normalen; asymptoten.
C. Rectificatie van vlakke krommen en bolkrommen; a. Krom-
men, wier boog een rationale functie is van een parameter;
/3. een circulaire functie; y. een elliptische functie; §. Krom-
men , wier boog aan een gegeven voorwaarde voldoet.
d.    Zwaartepunten van bogen; a. Krommingszwaartepunten \').
e.    Kromtestralen en krommingsmiddelpunten van vlakke
krommen; a. Krommingsafwijking *)\\ o<tc~Jt-**^~*&~ U si^jLvJL.
f.    Omhullende krommen.          , .
g. Ontwondenen van vlakke krommen^ ~a. Ontwindenden.
h. Spherische kromming van bolkrommen; a. Spherische
ontwondenen; (3. Spherische ontwindenden; y. Totale geode-
tische kromming van bolkrommen.
i. Aanraking van verschillende orde tusschen vlakke krommen;
osculeerende krommen; a. Aanraking tusschen bolkrommen.
j. Buigpunten; zin der kromming; a. Toppen; sextactische
en andere merkwaardige punten.
!) Zie Journal von Crelle, deel 21, blz. 33 en 101 of Jacob Steiner\'s gesam-
mtltt Werke,
deel 2, blz, 97,
2) Zie Journal de Liouville, deel 6, blz. 191 (1843).
-ocr page 81-
— 69—                                        O
k. Stelsels van orthogonale krommen in het vlak, algemeene
beschouwingen; cc., Geval, dat een der beide stelsels uit cirkels
bestaat; ]8. Bijzondere orthogonale stelsels.
1. Orthogonale stelsels op den bol; algemeene beschouwin-
gen; cc. Bijzondere orthogonale stelsels.
m. Isotherme stelsels \') in het vlak; cc. op den bol.
n. Kromlijnige coördinaten; algemeene beschouwingen; bij-
zondere stelsels.
0. Schuine trajectoren van een stelsel van krommen in het
vlak; a. op den bol.
p. Rolkrommen in het vlak; cc. op den bol.
q. Verschillende krommen, die uit eenTvlaklcé kromme^kun-
nen worden afgeleid {ref. O 2 g en O 2 p); cc. Positieve en
negatieve voetpuntskrommen; /3. Positieve en negatieve brand-
krommen (caustica\'s en anticaustica\'s.); y. Conchoïden; S. Even-
wijdige krommen; s. Uitbreidingen van het begrip °2^9n^en^rJi
r. Verschillende krommen, die uit eenSJiolkromme^kunnen
worden afgeleid (ref. O 2 h en 02pa)M
3. Ruimtekrommen.
a.    Raaklijnen; normalen; normaalvlakken.
b.    Kromtevlakken; binormalen.
C. Rectificatie; cc. Krommen, wier boog een gegeven functie
is van een parameter; /3. Rolkrommen in de ruimte.
d.    Kromtestralen en krommingsmiddelpunten; krommings-
assen.
e.    Torsie; cc. Bolindicatrix.
f.     Ontwondenen van een ruimtekromme; omhullend opper-
vlak van het normaalvlak; cc. Ontwindenden.
g.    Aanraking van verschillende orde van een ruimtekromme
met een kromme of een oppervlak; cc. Kromtebol; (5. Kromte-
schroeflijnj y. by*JLodJL^U^ ^u^ ,^-L~~U~*^-tr~>~~~e~~.
h. Verschillende singulariteiten van ruimtekrommen; cc. Sta-
tionaire punten.
i. Uit een ruimtekromme afgeleide krommen.
j. Krommen bepaald door een of twee betrekkingen tusschen
!) Zie Darboux\'s Lef ons sur la theorie générale des sur/aces, deel 1, blz. 77.
-ocr page 82-
o                                        — 70 —
kromming, torsie en boog; et. Geval van een lineaire betrek-
king tusschen kromming en torsie; j3. Krommen met stand-
vastige torsie.
4. Regelvlakken.
a.     Cylinders.
b.     Kegels ; et. Schuine trajectoren der beschrijvende rechten ;
schroeflijnen op den kegel.
C. Ontwikkelbare oppervlakken; et. Oppervlakken met ge-
lijke helling.
d.     Regelvlakken in het algemeen; verandering van het raak-
vlak (met het raakpunt op de beschrijvende rechte); centraal-
punt; a. Paraboloïde der normalen ; osculeerende hyperboloïde;
/3. Strictielijn.
e.     Schaduwlijnen; toppen (snijpunten van twee opvolgende
beschrijvende lijnen) en ribben (beschrijvende rechten evenwijdig
aan de volgende); andere bijzondere beschrijvende rechten.
f.     Asymptotische lijnen, \') ic ^^JI-JLj^»^ ^^ «_^»-cw.
g.    Vervorming der regelvlakken; et. Op elkaar ontwikkelbare
regelvlakken.
h. Bijzondere groepen van regelvlakken; et. Regelvlakken
met richtvlak; /3. Conoïden (oppervlakken met richtvlak en
rechte richtlijn); y. Regelvlakken met twee rechte richtlijnen.
5. Oppervlakken in het algemeen en krommen daarop
gelegen.
a.   Door gebogen oppervlakken begrensde volumes; et- Zwaar-
tepunten dier volumes.
b.    Oppervlakte van gebogen oppervlakken ; et. Zwaartepunten
dier oppervlakten.
C. Raakvlakken en normalen.
d.     Indicatrix; hoofdrichtingen; hoofdkromtestralen,-o*c Um^
e.     Krommen op oppervlakken; algemeene beschouwingen ;
uitdrukkingen voor ds\'2; formules van Codazzi. a)
\') Zie Darboux\'s Lef ons sur la theorie générale des sur/aces, deel 1, blz. 137.
\'-) Zie Darboux\'s Lecons sur la theorie générale des surfaces, deel 2, blz, 361.
-ocr page 83-
O
— 7i —
f.     Kromming der krommen op een oppervlak; stelling van
Meusnier; andere dergelijke stellingen; cc. Geodetische krom-
ming en torsie.
g.     Normalenregelvlakken (normalies); cc. Oppervlak der
hoofdkrommingsmiddelpunten.
h. Kromtelijnen in puntcoördinaten en in tangentieele coör-
dinaten ; navelpunten.
i. Oppervlakken wier kromtelijnen aan gegeven voorwaarden
voldoen; cc. Oppervlakken met vlakke of bolvormige kromte-
lijnen ; /3. Oppervlakken met isotherme kromtelijnen.
j. Asymptotische lijnen\'); u. Oppervlakken, wier asymptotische
lijnen aan gegeven voorwaarden voldoen.
k. Stelsels van toegevoegde lijnen 2) op een oppervlak (ref.
N2 1 b); cc. Oppervlakken, waarop men twee stelsels van toe-
gevoegde lijnen trekken kan, die aan gegeven voorwaarden
voldoen.
                  UU.Jl)
1. Geodetische lijnen,; stelsels van evenwijdige krommen;
u. Onderzoek van oppervlakken, wier geodetische lijnen aan
gegeven voorwaarden voldoen.
m. Afbeelding op den bol {ref. P 5 c); cc. Onderzoek van
oppervlakken, wier kromtelijnen een gegeven afbeelding toelaten.
n. Andere bijzondere lijnen of stelsels van lijnen op een
oppervlak.
O. Verschillende singulariteiten van een oppervlak; merk-
waardige punten.
p. Totale kromming van een deel van het oppervlak; krom-
ming in een punt.
6. Stelsels van oppervlakken.
a.     Schroefvlakken; cc. Omwentelingsoppervlakken.
b.     Lijstoppervlakken (surfaces moulures) en spiraalopper-
vlakken 3).
C. Omhullend oppervlak van bollen (ref. N2 2 a).
d. Oppervlakken voortgebracht door kegelsneden; cc. door
cirkels.
\') Zie de noot bij O 4 f.
2)     Zie Darboux\'s Lecons sur la theorie générale des surfaces, deel 1 , blz. ÏOO.
3)     Zie Darboux\'s Lef ons sur la theorie générale des surfaces, deel 1 , blz. 110.
-ocr page 84-
o                                        — 72 —
e.     Oppervlakken voortgebracht door andere merkwaardige
krommen van hoogeren dan den tweeden graad.
f.     Oppervlakken, waarvan de hoofdkromtestralen van ieder
punt aan een zekere betrekking voldoen. / frf- "YJ9\'\'/
g.      Oppervlakken met standvastige gemiddelde of totale
kromming.
h. Minimaaloppervlakken.
i. Aanraking van verschillende orde tusschen oppervlakken;
tusschen krommen en oppervlakken.
j. Omhullende oppervlakken.
k. Vervorming van oppervlakken; op elkaar ontwikkelbare
oppervlakken.
1. Niet in een der voorgaande groepen begrepen oppervlak-
ken , die door een bijzonderen vorm voor ds2 gekenmerkt zijn.
m/lsotnerme oppervlakken.
n. Geographische afbeelding van een oppervlak op een ander.
o. Orthogonale of schuine trajectoren van een stelsel van
oppervlakken; oppervlakken, die een of twee stelsels van op-
pervlakken rechthoekig of onder een anderen gegeven hoek
snijden.
p. Drievoudige orthogonale stelsels; a. Isotherme stelsels \').
q. Kromlijnige coördinaten in de ruimte; cc. Elliptische
coördinaten; /3. Pentaspherische coördinaten 2).
r. Verschillende oppervlakken, die uit een gegeven opper-
vlak kunnen worden afgeleid; «. Positieve en negatieve voet-
puntsoppervlakken; /3. Positieve en negatieve brandoppervlak-
ken (caustica\'s en anticaustica\'s) ; y. Conchoïdale oppervlakken;
8. Evenwijdige oppervlakken.
S. Andere stelsels van oppervlakken.
7. Regelruimte (espace réglé) en cirkelruimte
(espace cerclé).
a.     Eigenschappen der stralenstelsels van het standpunt der
differentiaalrekening.
b.     Meetkunde der lichtstralen; eigenschappen der lichtbun-
dels ; stellingen van Malus en Dupin (cf. T 3 en ref. N2 1 b).
1)    Zie de noot bij 0 2m.
2)    Zie Darboux\'s Ltfons sur la theorie générale des surfaces, deel 1, blz, 213.
-ocr page 85-
O.P
— 73 —
C. Onderzoek van de oppervlakken, die een stelsel van
lichtstralen loodrecht snijden.
d. Cirkelruimte.
8. Kinematische meetkunde.
a.     Algemeene eigenschappen der banen van punten en om-
hullenden van krommen, behoorende tot een in haar vlak be-
wegelijke onveranderlijke figuur (cf. Rib).
b.     Het overeenkomstige voor punten en krommen op den bol.
C. Meetkundige plaats van punten en krommen en omhul-
lende van oppervlakken, behoorende tot een bewegelijke onver-
anderlijke ruimtefiguur, als de verplaatsing van één parameter
afhangt (cf. R 1 c).
d.     Hetzelfde, als de verplaatsing van twee parameters afhangt
(c/. R 1 c).
e.     Eigenschappen van de overeenkomstige meetkundige
plaatsen en omhullenden bij de verplaatsing en vormverandering
van veranderlijke stelsels.
KLASSE P.
Meetkundige transformaties; projectiviteit (homographie); perspectiviteit
(homologie); affiniteit; reciprociteit en weerkeerige poolstelsels; inversie;
birationeele en andere transformaties.
1. Projectiviteit, perspectiviteit, affiniteit.
a.     Projectieve betrekking tusschen grondstelsels van een
enkele uitgebreidheid (puntenreeks , stralenbundel, vlakkenbun-
del); verschillende constructies en eigenschappen; samenvalling
der dragers bij projectiviteit van gelijksoortige grondstelsels;
involutie (re/. K 7, M\'2a).
b.     Projectieve betrekking tusschen grondstelsels van twee
uitgebreidheden (punten- en stralenveld, stralen- en vlakken-
net); projectieve krommen en kegels (re/. L\' 1 e); leerwijze der
projecties; verschillende constructies en eigenschappen; samen-
valling der dragers bij gelijksoortige grondstelsels ; cc. Bijzondere
gevallen van projectieve verwantschap.
C. Projectieve verwantschap van ruimtestelsels. Projectieve
oppervlakken uit deze (re/. Lale); verschillende constructies
-ocr page 86-
P                                             -74-
en eigenschappen; a. Bijzondere gevallen; /3. Projectieve ver-
wantschap met twee assen; involutie met twee assen.
d.     Perspectieve ligging van projectieve grondstelsels met een,
twee of drie afmetingen (re/. K5c); cc. Involutie; )3. Andere
bijzondere gevallen.
e.     Affiniteit in het vlak en in de ruimte; gelijkvormig-
heid; gelijkvormigheid en gelijkstandigheid of homothethie (ref.
K 5 a en D en K 14 e).
f.     Algemeene beschouwingen betreffende de projectieve ver-
wantschap.
2. Reciprociteit en weerkeerige poolstelsels, enz.
a.     Reciprociteit tusschen een puntenveld en een stralenveld
in hetzelfde vlak; algemeene transformatie door weerkeerige
poolfiguren (cf. L\' 2 a); verschillende constructies en eigenschap-
pen. Reciprociteit tusschen een stralennet en een vlakkennet
om hetzelfde punt. Reciprociteit tusschen puntenruimte en vlak-
kenruimte (of. L° 9 a). Nulstelsels.
b.     Bijzondere reciprociteit bij grondstelsels van twee of drie
uitgebreidheden ; bijzondere polaire stelsels ; cc. Polair veld met
een cirkel tot richtlijn, polair net met een kegel door den on-
bestaanbaren cirkel in het oneindige (puntbol) tot richtkegel;
polaire ruimte met een bol tot richtoppervlak; /3. Het overeen-
komstige met parabool of paraboloïde, y. met omwentelings-
paraboloïde.
C. Reciprociteit van puntenveld en stralenveld in verschillende
vlakken, van stralennet en vlakkennet om verschillende toppen /.
verschillende meetkundige plaatsen en omhullenden.
d. Onderzoek van richtkrommen en richtoppervlakken, die
aan bijzondere voorwaarden voldoen; kegelsneden of kwadrati-
sche oppervlakken, waarvoor twee gegeven kegelsneden of twee
gegeven kwadratische oppervlakken eikaars weerkeerige pool-
figuren zijn.
3. Isogonale transformaties.
a. Isogonale transformaties in het algemeen. Stelling van
Cauchy. Toepassingen (ref. D 5 c).
-ocr page 87-
— 75 —                                             P
b. Transformatie door weerkeerige voerstralen in het vlak
en in de ruimte/; ex. Stereographische projectie.
C. Bijzondere isogonale transformaties; «. Cirkelverwantschap
v an Möbius; /3. Transformatie (p, 6; p" , nd) van W. Roberts.
4. Birationale transformaties.
a.     Birationale transformaties van twee vlakken ; algemeene
beschouwingen; groepen van transformaties.
b.  Kwadratische transformaties. Kwadratische inversie. Scheeve
projectie \').
C. Algemeene birationale transformaties van Cremona 2).
d.     Transformaties van Jonquières 3).
e.     Andere bijzondere birationale transformaties van hoogeren
dan den tweeden graad.
f.     Involutorische transformaties in het vlak.
g.    Birationale transformatie van twee ruimten; algemeene
beschouwingen; transformatiegroepen ; bijzondere transformaties.
h. Birationale transformaties voor meer dan drie afmetingen.
5. Afbeelding van oppervlakken op elkaar.
a.   Eenwaardige afbeelding van een oppervlak op een plat vlak ;
algemeene beschouwingen ; ex. Bijzondere gevallen ; j3. Isogonale
eenwaardige afbeeldingen.
b.     Eenwaardige afbeeldingen van twee oppervlakken op
elkaar; ex. Bijzondere gevallen; j3. Transformaties, waarbij de
kromtelijnen in elkaar overgaan.
C. Afbeelding op een bol naar Gauss {ref. O 5 m).
d. Verschillende niet-eenwaardige afbeeldingen van opper-
vlakken op elkaar; ex. Bijzondere gevallen.
6. Verschillende andere transformaties.
a. Rationale transformaties in het vlak en in de ruimte.
Algemeene beschouwingen.
\')    Zie Jacob Steiner\'s gesammelte Werke, deel 1, blz. 409.
2)    Zie Clebsch\'s Vorhsungen über Geometrie, deel 1 , blz. 478.
3)    Zie „Die hauptsiichlichsten Theorien der Geometrie" van Loria-Schütte, blz. 82 ,
noot
  11 (Teubner, Berlin, 1888).
-ocr page 88-
P, Q                                   -76-
b. Transformaties door weerkeerige halfrechten en halfvlak-
ken van Laguerre. \') Transformatie van Bonnet.J)
C. Involuties van hoogeren graad.
d.    Transformaties van de rechten der ruimte in de bollen
der ruimte.
e.    Aanrakingstransformaties.
f.     Verschillende andere transformaties in het vlak en in de
ruimte.
g.    Verschillende afbeeldingen van de vormingen der ruimte
met n afmetingen door middel van de vormingen eener ruimte
met n — k afmetingen; cc. Geval k = o.
KLASSE Q.
Verschillende soorten van meetkunde; meetkunde met n afmetingen;
niet-Euclidische meetkunde; analysis situs; geometria situs.
1.    Niet-Euclidische meetkunde.3)
a.    Algemeene beschouwingen omtrent Euclidische en niet-
Euclidische meetkunde.
b.    Meetkunde van Lobatcheffsky.
C. Meetkunde van Riemann.
d. Verschillende andere soorten van meetkunde {zie C 4 d).
2.     Meetkunde met n afmetingen.
3. Analysis situs.
(Onder dezen algemeenen naam vatten wij alles samen wat
betrekking heeft op de veelvoudigheid van den samenhang der
oppervlakken en de verschillende vormen, die deze kunnen
aannemen; daarbij als niet verschillend beschouwende twee
vormen, die door vloeiende verandering in elkaar kunnen over-
gaan , als men de oppervlakken punt voor punt zoo met elkaar
laat overeenkomen, dat met een doorloopende kromme weer
\') Zie Nouvellts annales de mathêmaüques, reeks 3, deel 1, blz. 542 (1882).
2)    Zie Comptes rendus, deel 42, blz. 486 (1856).
3)    Zie Clebsch\'s Vorlesungen uier Geometrie, deel 2, blz. 433.
-ocr page 89-
— 77—                                        Q
een doorloopende kromme overeenkomt, zonder dat de verwant-
schapsbetrekking juist van analytischen aard behoeft te zijn).
a.    Oppervlakken met enkel- of meervoudigen samenhang.m
feefc vlak. (Hieronder zou men bv. onderzoekingen moeten
rangschikken overeenkomende met die van Riemann in zijn
„Lehrsatze aus der Analysis Situs für die Theorie der Integrale
van zweigliedrigen vollstandigen Differentialien", zie yournal
von
Crelle, deel 54, blz. 105 of Riemann\'s Werke, blz. 84).
b.    Uitbreiding van het voorgaande op de ruimte met drie
en meer afmetingen. (Hieronder behooren de „Fragmente aus
der Analysis situs", van Riemann, Werke, blz. 448).
C. Verschillende standen, die twee of meer gesloten krom-
men in de ruimte met drie of meer afmetingen ten opzichte
van elkaar kunnen innemen; cc. Karakteristieke aanwijzers van
Cauchy en aanwijzers van Kronecker {Berliner Sitzungsberichte,
1869).
4. Geometria situs.
a.    Theorie der configuraties (onderzoekingen van Reye, enz.).
b.    Vraagstukken over schaakspel, dominospel, enz.; cc. Too-
vervierkanten.
C. Andere dergelijke vraagstukken.
-ocr page 90-
78
TOEGEPASTE WISKUNDE.
KLASSE R.
Mechanica in het algemeen; kinematica; statica met inbegrip van de
zwaartepunten en de traagheidsmomenten; dynamica; mechanica der vaste
lichamen; wrijving; aantrekking van ellipsoïden.
1. Zuivere kinematica.
a.     Kinematica van het stoffelijk punt.
b.     Beweging van een vlakke onveranderlijke figuur (zie O 8 a);
a. van een vlakke veranderlijke figuur.
C. Beweging van een vast lichaam (zie O 8 C en d); cc. van
een veranderlijk lichaam.
d.     Betrekkelijke beweging; stelling van Coriolis. a. Toe-
passing op de bewegingen aan het aardoppervlak.
e.     Stangenstelsels.
f.     Meetkundige theorie van andere beweegbare stelsels.
g.    Kinematica der buigzame doch onuitrekbare lijnen en op-
pervlakken.
h. Kinematica eener continue middenstof.
2. Meetkunde der massa\'s.
a.     Algemeene beschouwingen.
b.     Zwaartepunten. Algemeene eigenschappen; a. bepaling
der zwaartepunten van lijnen (re/. O 2 d); /3. van inhouden en
oppervlakten/; y. van volumes (ref. Q S a/3, OöJafa).
c.     TraagheidsmomentenA . Algemeene eigenschappen; a. be-
paling der traagheidsmomenten van inhouden en oppervlakten;
/3. van volumes.
d.     Momenten van verschillende orde met betrekking tot een
vlak. f
F(iU. k<\\olo<.s iic^o .Z.A/S, r&*i).
-ocr page 91-
— 79—                                        R
3. Meetkunde der segmenten. Samenstellingen,
momenten . weerkeerige lijnen , enz.
CL.. ~M*. &*-.eJi. g ■ Jll^~~L v«^~ fteJU .
"Z.JtZliZC&*-y.U^f-J4i. Statica. \\
a.    Samenstelling en ontbinding van krachten; statica der
vaste lichamen, o^. jfc^r^L^. <*-<^. U^^^jJté- f
b.    Koordenveelhoeken; evenwicht van een koord; cc. Even-
wicht van buigzame doch onuitrekbare oppervlakken.
C. Evenwicht der stangenstelsels.
d. Graphische statica, cc Toepassingen.
£• ^W]:^^r^feEkTngsleerr
a.    Algemeene theorie der Newton\'sche aantrekkingsleer;
potentiaal (ref. T 5, H 10 d, D 5 c); cc- potentiaal van lijnen ,
inhouden, oppervlakten en volumes.
b.    Aantrekking van ellipsoïden.
C. Verschillende uitbreidingen van het begrip potentiaal.
6. Algemeene beginselen der dynamica.
a.    Beginsel van d\'Alembert; cc. Beginsel der virtueele snel-
heden; /3. der levende kracht; y. der perken; 8. der bewe-
ging van het zwaartepunt: £. oU^. A«>--vwo-m-o~.v4^/ ;a^*(; j*£=fco.ï(*-J
b.    Beginsel van de kleinste werking(T «. Vergelijkingen van
Lagrange; ]3. van Hamilton; y. van Jacobi (zie H 3 \\f~en ver-
der onder
H bij de partiëele differentiaalvergelijkingen); £■***-»
7. Dynamica van het stoffelijk punt.
a.    Algemeene beschouwingen; cc. Beweging langs een ge-
geven kromme; j3. over een gegeven oppervlak.
b.    Centrale beweging; cc. Elliptische planetenbeweging;
)3. Bewegingen voor verschillende bijzondere krachtwetten;
onderzoek der krachtwet bij een aan gegeven_ vriprwaarden vol-
doende beweging; y. Beweging der projectieleni; 8. Gevallen,
waarin men den weerstand der middenstof in rekening brengt.
C. Vraagstukken van tautochronisme; cc. Geval, waarin men
-ocr page 92-
R                                            — 80 -
rekening houdt met de passieve weerstanden; |3. Geval van
een centrale kracht; y. Geval van de zwaartekracht.
d.     Brachistochronisme ; algemeene beschouwingen; cc. Geval,
waarin men rekening houdt met de passieve weerstanden;
(3. Geval van een centrale kracht; y. Geval van de zwaarte-
kracht.
e.     Vraagstukken van isochronisme; cc. Geval van de lem-
niscaat; /3. Synchrone krommen.
f.     Verschillende vraagstukken betreffende de beweging langs
een kromme; cc. Enkelvoudige slinger; f^Sj^\'^^^^Z^Z^i.
g.     Verschillende vraagstukken betrenende de "beweging over
een oppervlak; «. Conische slinger; ü.K5«~».Q-*~~y «-pj#. h^f^^-J
8. Dynamica der vaste lichamen en der stoffelijke
stelsels.
a.     Algemeene beschouwingen over de beweging van een
lichaam. Kleine bewegingen; stabiliteit. Theorie van Poinsot 1).
b.     Beweging van een lichaam, waarop geen kracht werkt.
c.     Beweging van een zwaar lichaam, cc. Geval van een
omwentelingslichaam; /3. Toepassing op de gyroscoop, de tol,
de projectielen, enz.; y. Beweging van een lichaam over een
vast vlak.
d.     Theorie van den samengestelden slinger; toepassingen.
e.     Dynamica der stoffelijke stelsels; cc. Beweging van koor-
f.     Gemeenschappelijke integralen van verschillende vraag-
stukken der dynamica,- ^.1r<c^j~4\'. <M~ <.».« f *ML. L\'. i~J.&i&^.
l\' 9. Priysïsche mechanica; passieve weerstanden;
., /,           .          werktuigen.
( ^w«£o-<—^Us^^—^»vv~- .              ai
a.   (Wrijving. Evenwicht met wrijving. («^ TL fcefl •
b.     Botsing : algemeene beschouwingen; cc. Vraagstukken over
de botsing; billardspel.
C. Verschillende passieve weerstanden. Toepassingen op
het evenwicht.
d. Theorie der „werktuigen; vliogwiol) rogulator, ene.
•) Zie Journal de l\' Ecole polytechnique, cah. 13. blz. 206 (1806).
-ocr page 93-
— 81 —
S
KLASSE S.
Mechanica der vloeistoffen; hydrostatica; hydrodynamica; thermodynamica.
1. Hydrostatica.
a.     Evenwicht van vloeistoffen; berekening van den druk;
perspunt.
b.     Evenwicht, stabiliteit en schommelingen van drijvende
lichamen; theorie van het schip.
2. Hydrodynamica.
a.     Algemeene beschouwingen; algemeene vergelijkingen;
stelling van Lagrange.
b.     Kleine bewegingen der vloeistoffen; theorie der deining.
C. Wervelbeweging; stelling van Helmholtz.
d.     Theorie der vloeistofstralen.
e.     Krachtwerking tusschen bewegende vloeistoffen en vaste
lichamen; cc. Beweging van een lichaam in een vloeistof;
/3. Pulseerende bollen, stellingen van Bjerkness.
f.     Theorie der wrijvende vloeistoffen.
3. Hydraulica.
a.     Stelling van Torricelli; uitstrooming van vloeistoffen;
cc. Korte uitstroomingsbuizen; /3. Overlaten.
b.     Beweging van vloeistoffen in buizen; cc. in opene kana-
len en waterloopen; /3. Botsing van vloeistoffen.
C. Hydraulische werktuigen en de theorieën hieromtrent.
4. Thermodynamica.
a.     Algemeene beginselen; mechanisch warmte-equivalent;
wetten van Mayer, Carnot en Clausius; thermodynamische po-
tentiaal.
b.     Toepassing op gassen; cc. op dampen; /3. op thermische
werktuigen,- ï. »■*. ~£^r<-i*>4-r&h—
5. Pneumatica.
a.     Uitstroom ing van gassen.
b.     Kleine bewegingen van gassen; snelheid van het geluid.
•>v»-. o. ij-*ct^>-t-^^*L^rf (TW- 1i 7T>yl-
-ocr page 94-
T                                                 — 82 —
KLASSE T.
Mathematische physica; capillariteit; veerkracht; weerstand van bouwstoffen;
licht; warmte; electriciteit; magnetisme.
1. Algemeene beschouwingen; krachtwerking tusschen
naburige lichamen.
a.     Methoden; beginselen; onderstellingen; ether; maten.
b.     Krachtwerking tusschen naburige lichamen; «. capillariteit.
2. Veerkracht.
a.     Veerkracht van vaste lichamen; differentiaalvergelijkingen
van het vraagstuk der veerkracht; algemeene beschouwingen;
a. Verschillende bijzondere gevallen; 8. Vraagstuk van Saint-
Venant a); y. Veerkrachtige^lïfftSifTnllende snaren; B. Veer-
krachtige oppervlakken) £. v*j>~^*~- ■
b.     Weerstand van bouwstoffen.
C. Geluidsleer.
3. Licht.
a.     Meetkundige theorie van het licht [zie O 7 b).
b.     Physische theorie van het licht.
C. Electro-optica; magnetische theorie van het licht.
4. Warmte.
a.     Thermometrie ; uitzettingen ; toestandsveranderingen, enz.
b.     Stralende warmte.
C. Warmtegeleiding.
5. Statische electriciteit
a.     Algemeene beschouwingen; verdeeling der electriciteit;
electrostatische inductie (re/. R 5); a. Methode der beelden van
Thomson.
b.     Theorie der diëlectrica.
C. Theorie van Maxwell.
\') Zie Thomson en Tait\'s Treatise on naturalphibsophy, 2d\' druk, deel 2, nrt. 699.
-ocr page 95-
-83-
T, U
6. Magnetisme.
7. Electrodynamica.
a.     Algemeene electrokinetische beschouwingen; verspreiding
der stroomen in conductoren; wetten van Ohm en Joule.
b.     Thermo-electriciteit.
C. Eigenlijke electrodynamica; werkingen van stroomen op
elkaar en op magneten; inductie.
d. Theorie van Maxwell, u. Theorie van Weber.
KLASSE U \').
Astronomie, mechanica des hemels.jt^~ y^^A^oy^*-■
1. Elliptische beweging.
2. Bepaling der elliptische elementen; Theoria motus.
3. Algemeene storingstheorie.
4. Ontwikkeling der storingsfunctie
5. Integratie der differentiaalvergelijkingen, die bij de
storingstheorie voorkomen en wel in het bijzonder
die van
6. Evenwicht van een omwentelende vloeistofmassa.
a.     Vergelijking van Clairaut
b.     Ellipsoïde van Maclaurin.
C. Ellipsoïde van Jacobi.
d. Gedaante der planeten.
7. Gedaante der dampkringen.
8. Eb en vloed.
9. Beweging der hemellichamen om hun zwaartepunt.
"**ï• &,\'—1\' • tT»v-~ ^-".* *sf*■ ■ ld.- Ct*»irr**K-$>-;i*\'& - tt^v*."t«—
*) Omtrwit de verhandelingen, die alleen voor sen sterrenkundige van belang zijn
en dus hier niet thuis behooren, vergelijke men de fransche bibliographie van Houzeau.
6*
-ocr page 96-
V                                            — 84 —
KLASSE V.
Philosophie en geschiedenis der wiskundige wetenschappen.
1. Verschillende beschouwingen over de philosophie der
wiskunde.
a. Methodologie.
2. Oorsprong der wiskunde; Egypte; Chaldea.
3.     Griekenland.
a.     Helleensch tijdperk, tot aan Euclides.
b.     Alexandrijnsch tijdperk, van Euclides tot Hero.
C. Grieksch-romeinsch tijdperk, tot Constantijn.
d. Van Constantijn tot den val van het byzantijnsche rijk;
byzantijnsche wiskunde.
4.     Het Oosten.
a.     Hindoes.
b.     Chineezen.
C.
    Arabieren.
d.
    Israëlieten.
5. Het Westen.
a.     Romeinen.
b.     Middeleeuwsche volkeren.
6. Renaissance , XVIe eeuw.
7.     XVIP eeuw.
8.     XVIIP eeuw.
9.     XIXe eeuw.
10. XXe eeuw.
-ocr page 97-
— 85 —                                            X
KLASSE X.
Rekenwijzen; tafels;» graphische berekening; planimeters,-
1. Verschillende rekenwijzen.
(Andere rekenwijzen dan die, welke het gebruik van tafels
of van graphische of mechanische hulpmiddelen vereischen.)
2. Wijze van samenstelling der logarithmentafels;
goniometrische en andere tafels.
$L Reken platen
aques).
4. Graphische berekening.
a.     Constructie der stelkundige vormen, der rationale en
irrationale uitdrukkingen; graphische bewerkingen omtrent in-
houd, oppervlakte en volume.
b.     Graphische oplossing van vergelijkingen; cc. van den
tweeden graad; /3. van den derden en vierden graad; y. van
stelsels van vergelijkingen.
C. Graphische integratie; verschillende benaderingswijzen;
a. Dubbelintegralen en veelvoudige integralen.
5. Rekenmachines.
6. Planimeters; integratoren; werktuigen voor
harmonische analyse.
7. Verschillende andere mechanische rekenwijzen.
-ocr page 98-
ALGEMEENE OPMERKINGEN OMTRENT HET
ALPHABETISCH REGISTER.
Bij de samenstelling van het alphabetisch register is er naar gestreefd
kortheid en volledigheid te vereenigen. Van daar, dat het zeer gewenscht
is zich voor het gebruik er van de klassen — en, zoo ze als L, M, N van
een klein cijfer vergezeld kunnen zijn, ook deze — in het geheugen te
prenten. Alleen dan geeft bijv. de verdeeling van het hoofd bundel (zie blz. 88)
in — van complexen , — van krommen , — van oppervlakken en de samen-
stellingen -----schaar en licht-----alles wat men wil; dan is het nl. duide-
lijk, dat onder — van krommen Kil a op cirkels, L118 op kegelsneden,
M\'ld, 5i op vlakke krommen van hoogeren graad en M35j op ruimte-
krommen moet slaan.
Kortheidshalve zijn aanwijzingen als M\'ld en M\'5i in elkaar geschoven
tot M\'l d, 5i.
Waar zulks noodig is, vindt men onder elk hoofd eerst het hoofd met
volgende bepalingen, daarna het hoofd met voorafgaande bepalingen, ver-
volgens de samenstellingen waarin het hoofd voorafgaat en eindelijk de
samenstellingen waarin het hoofd achteraankomt. Somtijds vormen als bij
cirkel de samenstellingen een afzonderlijke alinea, of komt als bij bol na
het onderwerp met de samenstellingen het meervoud met de samenstellingen
in een afzonderlijke alinea voor.
In een aanwijzing als C 2 h—1 is C 21 niet begrepen.
-ocr page 99-
ALPHABETISCH REGISTER.
Aangeschreven bollen K 16 b n ; — cirkels K 2 b.
Aanraking bij bollen K16 b«, 18c, 19bo, |8, Ni2fo, N22d„; — bij
cirkels K 2 b, 12 b a, 3; — bij krommen M\'3iy, 5e/3, f, 6e, NMb.i,
02eo, j«; — bij oppervlakken L210e, M25dn, N\'2fa, N22d«,
06c; ■—■ van verschillende orde 02i, 3g, 6 i*,__UA*-»-~*4, ^{ojZs-
Aantal bestaanbare bijzondere elementen eencr kromme M\'lbjS; — klas-
sen van binaire vormen 114, 15ay, c/3, 18 a; meetkunde van het —N*2.
Aantrekkingsleer R 5.
Aanwijzers van Cauchy en Kronecker Q 3 c a; reeksen met dubbele —
F 3 a a, 0. H 12 f; theorie der — I 7 b.
Abacus X 3.                         MJi\\cL. pv*-^~ tf-i^p.
Abel, stelling van — G1 e, 2 b n ; voortbrengende functies van — E 3 a.
AbePsche dubbelintegralen G2b; — functies G3, H5c; — groep van
lineaire substituties B 2 c |3, y; — integralen G 1, 4 d, 5; — vergelij-
kingen A 4 b.
Acht, betrekking tusschen — punten eencr kubische ruimtekromme M35g;
hoeveel kegelsneden in de ruimte aan — voorwaarden voldoen N4 2 i.
Achtste, constructie van het — snijpunt van drie kwadratische oppervlak-
ken L218a; oppervlakken van den — (n) graad M27ba, ca.
Afbeelding van binaire vormen op kegelsneden L\' 1 f; — van oppervlakken
op den bol Oom, P 5 c; — van oppervlakken op een plat vlak M2 3 b ,
4e, 8, P3bo; — van oppervlakken op elkaar P 5; — van vormingen
der ruimte met n afmetingen P6g; conforme — D5ca, P3; geogra-
phische — O 6 n.
Affiniteit P 1 e.
Aflossing A 1 a.
Aftrekking Al a, II.
Afwijking (zie krommingsafwijking).
Afzonderlijke integralen H 8 e, 9 g; — oplossingen H 2 b.
Alembert, beginsel van d\'— R6a; stelling van d\'— A3a«.
Al-functie F 1 fa.
Alysseïde MM.
Ampère, integratie methode van — H9a, b.
Anallagmatische krommen Ml6d; — oppervlakken M24f.
Analysis situs Q3.
Analytische meetkunde K6, L, M, N.
Annuïteit A1 a.
Antihomologe punten bij bollen K18b;-------bij cirkels Kllb.
Anticaustica\'s (zie brandkrommen en brandoppervlakken).
Apolariteit B 6 a.
Apollonius, stellingen van L13 b, L2 4 b.
-ocr page 100-
88                                        ALPHABETISCH REGISTER.
Archimedes, spiraal van — M\'co.
Argument, deeling van het— F4d; verwisseling van parameter en— Glc.
ArithmetiscA-geometrisch gemiddelde van Gauss F 8 a.
Assen van kegels L26c; — van kegelsneden L^a, 18c, L25a, b, c,
N\' 1 h a; — van krommen M16 f; — van kubische ruimtekrommen M3 5 b;
— van lineaire stralencomplexen N\' 1 b, h£.
Astronomie U.
Asymptoot-, — -kegels L24d; — -krommen M\'3h.
Asymptoten van kegelsneden L!3a, d, Ha, 18 c; —van krommen M\'3h,
5da, 0 2b.
Asymptotische lijnen O 4 f, 5j.
Banen 0 8a, b, c.
Bayes, stellingen van — J 2 a.
Benaderde constructies K 21 b, c, d; — voorstelling eener functie D 1 b i.
Benadering van bepaalde integralen C2j; — van willekeurige functies
D2eo, j3; — van wortels A3g, II; gelijktijdige — D2fa, I23c;
graphische — X 4 c, va-*^ r^A^JOk^ J_ 4,
Bepaalde integralen C2h-1, E; integratie door — integralen H5h, 10b,
12 g; maxima en minima van — integralen J3a; — kwadratische vormen
115, 17 a.
Bepaling van een kromme door punten en raaklijnen M\'la, M35a;—van
een oppervlak door punten M!la.
Berekening der sommen van Gauss F 8 c /3; — der wortels eener vergelijking
A3g; — van bepaalde integralen C2j, D3ca, E3a, 4a; — van de-
terminanten B1 a; — van onbestaanbare grootheden B12 a; — van ir K10 c;
—  van wortel vormen A1 c 0.
Bemoulli, getallen van — D6cfl; stelling van — J 2 b.
Beschrijvende meetkunde K 22; — rechten L2 7,10 b, 17 h, N11 j a, N21 f 0.
Besscl, vergelijkingen van — H 5 i o.
BesseFsche functies D 6 e, H 5 i a; reeksen met-------D 1 b y.
Bestaanbare breuken I 23 a; — wortels A 3 d; functies van — verander-
lijken Dl.
Betrekkelijke beweging R1 d.
Beweging (zie F8h, G5b, O 8, R, S, T, U).
Bewerkingen, rekenkundige — II; stelkundige — Ala; theorie der —
B12h, J4g.
Bicirculaire krommen M\'öbfl, d—k.
Bicomplexe uitdrukkingen B12g.
Bikwadratische ruimtekrommen L217a, 18 e, M36b—f.
Bilineaire vormen BH a, b.
Billardspel R9ba.
Binaire vormen B4, 5, 6, 7, 113, 14, 21 a; afbeelding van-------L\'1 f.
Binet, formule van — Elf.
Binomische congruenties 17; — differentiaalvergelijkingen H3a; — diffe-
rentialen C 2 b; — vergelijkingen A 3 i a.
Binomium van Newton A1 c.
Binormalen M3 2 d, O 3 b.
Biquaternions B12e.
-ocr page 101-
ALPHABETISCH REGISTER.                                        89
Biqiiotünt (zie dubbelverhouding). . _,
Birationale transformatie G1 d, P 4; — — van krommen M1 2 b, M3 5 a;
-------van oppervlakken M2 8 f.
Bissectrices K1 b a.
Bjerkness, stellingen van — S 2 e /3.
Bogen M\'3a, M32a, 02c, d; lengte van — KlOc, L\'9b, c, d, 10c;
vermenigvuldiging en deeling van — K 20 b, c.
Bol K16, -17, 18, 19, 22a, L214b, 16e«, M22j; — van Monge L26ba;
afbeelding op den — O 5 m, P 5 c; pulseerende — S 2 e |3;-----driehoek
K17; — -driehoeksmeting F 8 f o, K 20 f; —-functies^ 1 d/3, 6 f; — -indi-
catrix O 3e o;-----kromme M36c, d, e, M4h, O 2;-----veelhoek K 17e ;
-----vormige kromtelijnen O 5 i a ; kromte- — M32d, O 3 g n; punt-----
K16e, N«2a, d, N22a.
Bollen, omhullend oppervlak van — 0 6c; — -complexen N\'2; — -con-
gruenties Na 2.
Bonnet, transformatie van — P 6 b.
Botsing R 9 b, S 3 b /3.
B{p, o)-/unctie El f, h.
Brachistochrotiisme R 7 d.
Brahmagupta, vierhoek van — K 8 f.
Brandkrommen L\'löe, M\' 3 je, 02q/3.
Brandoppervlakken L216e, M22i£, O6r0.
Brandpunten van kegelsneden L\'7, 12b, 13 a, 18 c, 21 ai, L25b, c, 9 a;
— van krommen M\'3g, 5d/3, 6d.
Breuken 11; rationale — A 5 a (zie verder kettingbreuken).
Brianchon, stelling van — L\'lca, L214ao.
Budan, stelling van — A 3 d.
Buigpunten MMco, 5ea,i/3, 6 b |3, 02j; vergelijking der — eener
kubische kromme A 4 d.
Bundel van complexen N\'lc; — van krommen Klla, L\'18, M\'ld,
5i, M35j; — van oppervlakken K18a, L217, M2le, N»2d; — -schaar
Lil8d5, L217i^, y; licht- — O 7 b.
Bijgevoegde krommen M\'2c; — oppervlakken M28g, M31 d.
T-functie El.
Canonische vorm der lineaire substituties B 2 b; — — van kwadratische
vormen BlOa, b;-------van lineaire vormen I12a.
Cantor, theorie der verzamelingen van — J 5.
Capillariteit T1 b o.
Cardioïde M\'öha,
Carnot, stelling van — M1 3da; wet van — S4a.
Cartesiaansche coördinaten K6a; — cycliden M24io; — krommen M16 g,
M36do.
Cassinische krommen M16i, (8 f o), M36d/3.
Catenoïde M41.
Cauchy, aanwijzers van — Q3c; integratiemethode van — H8d; stelling
van — A3d, D3b, c, P3a; symbolen van — B12c; theorie derfunc-
ties naar — D 3.
Caustica\'s (zie brandkrommen en brandoppervlakken).
-ocr page 102-
go
ALPHABETISCH REGISTER.
Cayley, formules van — MMa; kromme van — L120b, M\'lc, 5g;
meetkunde van — L2llf; oppervlak van — M23aa; tetraëdroïde van —
MUI.
Centraalptmt O 4 d.
Centrale beweging R7b; — kracht R7c/3, d/3.
Chasles, correspondentiebeginsel van — M\'2a, e, MM g, N42a; stelling
van — L\' 1 b, 9b, c.
Circulaire functies D6b, c, O 2 c/3; — krommen M\'5ka;— reeksen
Dlb£, 2b0, F3c.
Cirkel(s) K2,8b, 10,11,12; — in een bundel kegelsneden L118 d « ; — (s) op
den bol K 16 a; — van Monge L\' 4 b a ; brandkromme van den — L\' 15 e o;
merkwaardige — (s) K 2 c, d, L\' 4 b n; oppervlakken door — (s) voortgebracht
M2 9 d a , O 6 d n (zie verder aan-, in- en omgeschreiicit).
Cirkel,
-----complexen N!3a/3;-----congruenties N23aa;-----deeling 18;
—  -doorsneden L22b, 5a, M24f;-----ruimte 0 7d;-----stelsels 0 2ka;
-----verwantschap van Móbius P3co; negenpunts----K2c.
Cissoïde M1 5 c /3.
Clairant, vergelijking van — UGa.
Classificatie van krommen L\'la, M1 5 a, d, M3 3,5a; — van oppervlakken
L2 1 a, M2 3 d o; — van complexen N\' 1 b, e, 2 c; — van congruenties N21 c.
Clausius, wet van — S 4 a.
Clebsch, diagonaaloppervlak van — M2 3 h a.
Cn{ii) F2g, h, 3b, c, 4a, c.
Codazzi, formules van — O 5 e.
Coïncidentie M\'2e; — bij connexen N3a; veelvoudige — M\'2a;-----for-
mules N4 2 a.
Collineatie (zie projectiviteit).
Combinaties J 1 b.
Commutatieve vermenigvuldiging B 12 c «.
Complexe binaire vormen I13h, 15 c; — breuken 123b; — eenheden
I22c; — getallen 15, 22 b; — grootheden B12c; — modulus 15 b;
—   onbepaalde grootheden I15b; — uitdrukkingen van den »\'™ graad
B 12 f; functies van — veranderlijken D3, 4, 5.
Complexen L210c, 17d, f, h, 18g, N\', N*2e.
Conchoïdale oppervlakken L216 d, M2 2 i y, O 6 r y.
Conchoïden LH5d, M\'3j£, 02qy.
Concyclische bollencomplexen N\'2eo.
Configuraties Q 4 a.
Confocale bollencomplexen N\'2e/3; — krommen L\'19, M\'6d; — opper-
vlakken LMO, MJ4f.
Conforme afbeelding D5co.
Congruentie, meetkundige — Ls8a, 10c, 17 h, 18 g, N2, N42 f; reken-
kundige — 13, 4b, 5b, 7a;-----groep F7da; pool-----N\'le.
Conische slinger F8ha, R7go.
Connexen N3.
Conoïden M2 7 b y, O 4 h j3.
Constructie der assen van een kegelsnee L\' 3 b; — met behulp van passer
en lineaal K21 a; — van driehoeken K4, 17 b o; — van het achtste punt
gemeen aan drie kwadratische oppervlakken LM8a; — van het negende
-ocr page 103-
ALPHABETISCH REGISTER.                                        91
punt gemeen aan twee kubische krommen M15 i n; — van krommen
H 1 h, K42, L\'12, 13, 16, M»5a; — van oppervlakken K19, L215,
M2 3 b; graphische — van stelkundige vormen X 4 a.
Contactkrotnmen M1 2 c 3, d.
Contravarianten B 4 f.
Convergentie van reeksen D 2 a, b.
Coördinatenstelsels K6; kromlijnige — 0 2n, 6q.
Coriolis, stelling van — Rl d.
Correspondentiebeginsel van Chasles M\'2a, e, M21 g, N42a.
Covarianten (zie invarianten).
Cretnona, formules van — MMa; transformatie van — P 4 c.
Cycliden M24f—j, Ni2d, e o, fa, N22c.
Cyclische permutaties J1 a 7; — punten K 10 d; — ruimtekromme M3 6 c, d, e.
Cycloïde M4 a (zie verder epi- en hypocycloïde, verkorte en verlengde cy-
cloide).
Cylinders
M27d«, 0 4a; kwadratische — K15a, L22i, 13c«, M35cy.
Cylindrische schroeflijn M4 g.
Dandelin, stelling van — L2 2 e.
Dedekind, rekenkundige theorie der stelkundige functies van — Döj.
Deelbaarheid, rekenkundige — I2b; stelkundige — Ala.
Deelers van faculteiten 12c; — van stelkundige vormen A 3 c; grootst ge-
meene — A3c, I 2 a.
Deeling van bogen K 20 c; — van den hoek K 21 b; — van het argument
F 4 b, d; — van perioden van functies F 1 d a; stelkundige — Ala;
cirkel-----18; lemniscaat-----F 6 b.
Deferent Mi6d, M24f.
Derde, krommen van den — (n) graad of de — klasse M\' 5, M3 5; oppervlakken
van den —(n) graad of de — klasse A4d, M\'3, 5a, b; vergelijkingen
van den — (n) graad A3k, K20ca, X4b/3 (zie verder kubische).
Desargues,
stelling van — LHb, 18b.
Descarles, stelling van — A 3 d.
Determinanten BI, I8b, 13a, b, d, 14; functiönaal-----C3.
Diagonaaloppervlak van Clebsch M2 3 h ».
Dislectrica, theorie der — T 5 b.
Differentiaal-, — -meetkunde O 1; — -operators C 5; — -parameter
C 4 a; — -rekening Cl; — -vergelijkingen A3b, B4aa, G3g,
6 a o, H, V 12 a, M» 2 f, N4 1 f, g, h, S2a, T2a, U5 (zie verder
partiëele differentiaalvergelijkingen);-----vormen C4,- _ .,^wo«-v\'ftw(*. O^uOLb,
Differentiatie onder het integraalteeken C 2 i; — van functies D 1 c; — van
reeksen D 2 a 7; door — integreerbare vergelijkingen H 2 c 8.
Differenties
H 12.
Dirichlet, beginsel van — D5c; herleide vormen van — H5a«; stelling
van — I9a; symbool van — I 5 c o.
Discriminant B 3 c.
Dn (u) F2g, h, 3b, c, 4a, c.
Dominospel Q4b.
Doorloopende groepen B 2 d |3, J 4 f.
Door loopendheid A3a, C2h, Dia.
-ocr page 104-
92
ALPHABETISCH REGISTER.
Doorsneden, vlakke — L22c, 5, 10c, M24g, 8c; bol- — M22j,4g;
cirkel-----L22b, 5a, M*4f.
Driehoek KI, 2, 3, 4, 20e; — van Pascal Alco; bol- — K17; pool-----
K17a, Li 2 b.
Driclioekscoördinaten K 6 a.
Drievlakshoek K13b.
Drievoudige aanraking M1 5 f; — koorde en snijlijn MMb; —raakvlakken
M3lb; — rechte M24a; — rechthoekige stelsels van oppervlakken Oöp;
oppervlak der — koorden M2 7 a.
Dubbel-, — elementen van een involutie K7e en van projectieve stelsels K7c;
-----integralen C2g, h, D3e, X4cn;----kromme M2 4, 5 d a;----lijnen
NMeo;-----osculeerende kegelsneden M\'5fo;----periodieke coëfficiënten
H5do en functies F 2; — -punten M\'lb, M23h/3, 4ey, k,l,m;
— -raaklijnen L218f, M1 Gd ka, U;----raakvlakken M31 b;----rakende
bollen N22da en kegelsneden L\'18dfl, NMba; —-reeksen D2afl;
-----verhouding K7a, 10 d, Llld, M35b; schijnbare----punten M2 \'1 a a,
MMb.
Dupin, cyclide van — M2 4 i y; stelling van — O 7 b.
Dwarssneden D 5 a.
Dynamica F8h, G5b, R6, 7, 8, U; vergelijkingen der — H3b.
e, transcendentie van — I 24 a.
Eb en vloed U 8.
Eenheden, complexe — I22c.
Eenwaardige afbeelding P5a, b, c.
Eindige differenties H12b, g, h; — transformatiegroepen J4d.
Eisenstein, reeksen van — F 3 a.
Elastische kromme F 8 h j3.
Electriciteit T 5, 7.
Electro-, — -dynamica T 7; — -optica T 3 c;-----statica T 5.
Eliminatie B 3, F 2 c.
Ellipsoïde L2; — van Jacobi U 6 c; — van Maclaurin U 6 b; aantrekking
van — (n) R& b.
Elliptische coördinaten O 6 q a; — elementen U 2; — functies F, H 2 c a,
L\'9c, O 2 c y; — integralen C 2 d; — oppervlakken M2 7 b 6; — planeten-
beweging R 7b o, UI.
Emananten B 4 f.
Enkelvoudige integralen C2a, 2h; — slinger R7fa.
Epicycloïde M1 8 a, M4 a <..
Equi-, — -anharmonische elementen K 7 d, 10 d; — -pollenties B 12 b;
mechanisch-----valent der warmte S 4 a. *
Euclidische, niet- — meetkunde Ql.
Euler, betrekking van — H12 a fi; constante van — E1 d; formule van — K14 b.
Evectanten B 4 f.
Evenwicht R4, 9a, c, SI, U6.
Evenwijdige krommen L\'15c, M\'3jj3, 02qJ, 51; — oppervlakken
L216 c, M2 2 i 0 , O 6 r $.
Exces, spherisch — K17 c.
Exponentiale functies D 6 b.
-ocr page 105-
ALPHABETISCH REGISTER.                                        93
Factor, grond — D 4 b; integreerende — H 2 a (zie verder deeler).
Faculteiten D 2 c, 12 c.
Fagnano, stelling van — L1 9 b, c.
Farey, volgreeksen van — I25a.
Fermat, stelling van — I3b, 5b«, 19b.
Fleflecnodaalpunten M1 6 b.
Focaal-, — -kegelsneden L29, 10e, 17h;-----krommen M\'5c«, M22g,
4 f; — -oppervlakken M22g, N21 a, e, f;-----punten M35f;-----rechten
L22b, M27d, M35f.
Formule van Binet Elf; —(s) van Codazzi O 5 e; — van Euler K14b;
— (s) van Plücker M\'lb, M3la; — van Stirling E Ie; stelkundige
— (s) Al, 5b; kwadratuur- —(s) C2j.
Fourier, reeksen van — D 1 b a.
Fouten
, theorie der — J 2 e.
Frégier, stelling van — Ll 1 d.
Fuchs\'sche functies G 6 a.
Functies D, El, 3a, F, G3, 6, H5c, 12c, I2c, 11, Jlc, 4b, U4, 5.
Functionaal-,-----determinanten C3;-----vergelijkingen Hll.
Galois, groepen en vergelijkingen van — A4; onbestaanbaren van— 13o
Gamma-functie El.
Gassen S 4 b, 5a, b.
Gauss, afbeelding op een bol naar — P 5 c; arithmetisch-geometrisch ge-
middelde van — F 8 a; herleide vormen van —113 a, d; hypergeome-
trische reeks van — F 7 c a, H5f; perioden van — 113 e; sommen van —
F8c0.
Gedeeltelijke kwadraturen H 9 c.
Geheele rationale vormen A 3 a.
Geluid T 2 c; snelheid van het — S 5 b.
Gelijk-, — -beenige driehoeken K3a en viervlakken K13c/3;-----tijdige
benadering D2fa, I23c;-----vormige figuren K5a, 14 e en permutaties
Jlay;-----vormige en-----standige figuren K5b; 14e, L\'18e, L217j;
—  -vormigheid (en-----standigheid) PI e;-----vormigheidspunt Kllb,
16 d, 18 b;-----waardigheid van vormen I12a, 13 a, d, 15 a, c, 16 a,
18a;-----zijdige driehoek K3b, hyperboloïde L221 b, hyperbool Ll 11,
13c, d, I8d0, kegel L22f en ruimte-hyperbool M35h|3.
Gelijke wortels A 3 c.
Gemeene, grootst — deeler en kleinst — veelvoud A3c, I2a.
Gemeenschappelijke buigpunten van een syzygetischen bundel M1 5 i /3; — ele-
menten van congruenties I 3 a a, van krommen L117 a, M11 a, d a , M3 5 i
en van oppervlakken LM 7 a, 18 a, M21 a; — integralen van verschillende dyna-
mische vraagstukken R 8 f; — normalen M\' 3 i, M2 2 h; — pooldriehoeken
L\'17a, 18b; — poolviervlakken L217d; — wortels B3a, b.
Gemengde covarianten B 4 f; — differenties H 12 b a.
Gemiddelde kromming O 6 g; arithmetisch-geometrisch — van Gauss
F 8 a.
Genommerde projecties K 22 c.
Geodetische kromming 02 hy, 5fa; — lijnen L\'12, 0 51.
Geometria situs Q4.
-ocr page 106-
94
ALPHABETISCH REGISTER.
Geschiedenis der wiskunde V.
Geographische afbeelding van een oppervlak O 6 n.
Geslacht van functies D4ba; — van krommen F8g, Gl da, M\'lb, 2b,
4, M21 a a, b, M3 4; — van oppervlakken M2 8 c, f; — van stelkundige
vormen I 21.
Getallen van Bernoulli D 6 c S; complexe — I 5,22 b; ideale — 122 d; merk-
waardige Xt^D 6 c i, E Ij; stelkundige gcheele — I22a, b; transcen-
dente — I 24; — -theorie I.
Golf opper vlak M2 41.
Goniometrie K 20 a—e.
Goniometrische functies K 20; — identiteiten D 6 b y; — interpolatie D 6 b fi;
— oplossing K 20 c a ; — reeksen F 3 c; — tafels X 2 (zie verder circulaire),
Gordan, stelling van — B 4 c, 5 b.
Graphische berekening X4; — statica R4d.
Grassmann, „Ausdehnungslehre" van — B 12 c.
Gr aves, stelling van — L\' 9 b.
Grens-,-----punten Klla; natuurlijke-----lijnen bij functies D4e.
Grenzen der bestaanbare wortels A 3 g; — van functies Dia; — van onbe-
paaldheid van divergente reeksen D 2 a i.
Groepen A4a, B2, G6a, H4e, J 4.
Grondfactoren D 4 b.
Gyldèn, differentiaalvergelijkingen van — U5.
Gyroscoop R 8 c /3.
Hachette, kegel van — L2 2 f.
Haken bij partiëele differentiaalvergelijkingen H8b, c.
Half-, — -convergentie D2a/3;-----rechten en-----vlakken van Laguerre
P 6 b;-----regelmatige veelhoeken K 9 c en veelvlakken K14 c a.
Hamilton , vergelijkingen van — R G b (3.
Harmonische analyse X6; — elementen K 7 d, 10 d, L\'ld; —kegelsneden ;
L117c, 21 ba; — middelpunten M\'3e, M22e, Ms2c; — oppervlakken
L217e, 19 d; — veelhoeken K9do; — vormen B 6.
Hasardspel J 2 c.
Helling, oppervlakken met gelijke — O 4c o.
Helmholtz, stelling van — S 2 c.
Herhaling van proeven J2b; combinaties met — (en) J 1 b a.
Herleide vormen I13a, d, 15 a a, f}, 16 a.
Herleiding eener substitutie 115 d a; — tot den canonischen vorm B 10 a, b,
I12a; — van Abel\'sche integralen G4d; — van determinanten Bla.
Hermite, kromme van — M11 e; methode van — I16a; oppervlak van —
M2le.
Herpoolhode F 8 h y.
Hesse, covariant van — B4d; kromme van — M\'lc,5g; oppervlak van —
MMc, 3c.
Hoeken als dubbelverhoudingen K10 d; — bij kegelsneden L1 7 b; het me-
ten van — KlOa; het verdeelen van — K21b.
Homo-, — -focale (zie con/ocale);------graphie (zie projectiviteit); — -loge
punten bij bollen K18b en cirkels Kllb;------logie (zie perspectieve
ligging); — -thetie (zie gelijkvormig- en gelijkstandigheid).
-ocr page 107-
95
ALPHABETISCH REGISTER.
Hoofd-, — -assen L\'4 a, 17 h, M35e, N\'lb, h/3; — -krommingsmiddel-
punten M!2haj-----kromtestralen L211 a, M22h /3, O 5d, 6f.
Hoogtelijnen en hoogtepunt K1 b y, 13 c.
Hydraulica S 3.
Hydro-, — -dynamica F8hi, S2, 3,5, U6,7,8;-----statica SI.
Hyperbolische functies D 6 d.
Hyperboloïde LMa, gelijkzijdige en rechthoekige — (n) L221b; osculee-
rende — O 4 d a.
Hyper-,-----Abel\'sche functies G6bo;----elliptische functies G 3 a, b, inte-
gralen C2d en krommen M\'4d, M34cQ;-----Fuchs\'sche functies G 6 b,
M28ea; — -geometrische functies H5fo, reeks F7ca, H5fen verge-
lijking H 5 f, g j3; — -spherische functies D 6 h.
Hypo-, — -Abelsche groep B2cy;-----cycloïde M\'5b, 8a, M\'ao.
Ideale getallen I 22 d.
Identiteiten, goniometrische — D 6 b y; stelkundige — A 1 b.
Ikosaëder, groep van het — A 4 d o.
Implexen N41 g.
Incidentieformules N4 2 a.
Indicatrix LM 1 a, O 5 d; bol- — O 3 e o.
Indices (zie aanwijzers).
Inductie, electromagnetische — T 7 c; electrostatische — T 5 a.
Infitiitesimale transformaties Hldu.
Ingeschreven krommen K2b, M\'6e; — oppervlakken K16ba, LMOe,
M24g; — veelhoeken K8b, lic, L210f, M\'5a, e!.
Inhoud van driehoeken KI; — van kegelsneden L\' 9 a, 10 c a; — van
krommen M\' 3 b, O 2 a; — van sector en segment K 10 c (zie verder kwa-
dratuur, oppervlakte
en 7\'olume).
Integraal-,-----logarithmus E2;-----rekening C2;-----tafels C2h; onder-
zoek van — -functies H 1 g.
Integralen langs een omtrek D 3 b; — van totale differentialen G 2 a;
Abel\'sche — G1. 2, 5; afzonderlijke — H 8 e, 9 g; Euler\'sche — El;
regelmatige en onregelmatige — H 4 a.
Integratie onder het integraalteeken C 2 i; — van differentiaalvergelijkingen
G3g, H; — van functies Dlc; — van het storingsvraagstuk U 5; —van
reeksen D 2 a y; — van stelkundige differentialen G 3 f; graphische — X 4 c.
Integrator X 6.
Integreerende factor H 2 a.
Interest A1 a.
Intermediaire functies F1 f.
Interpolatie bij dubbelperiodieke functies F 2 c a; goniometrische — D 6 b /3;
stelkundige — A 5 b.
Intrekkingslijn L27c, O4d0.
Invarianten en covarianten van krommen L\'18a, 20a, M15j, 61/3; —
-----van oppervlakken L217f, 18c, M23g, 4n; — - — van vergelijkin-
gen en vormen B4, 5, 10d, e, C4a, Hli, 2d, 4d.
Inversie L\'15b, L216b; kwadratische — P4b.
Invoering van nieuwe veranderlijken C 1 c, 2 g.
Involutie van grondstelsels K7e, L\'ld, N\'lj/3, Pi; — van hoogeren
graad M\' 2 a c, P 6 c.
-ocr page 108-
96
ALPHABETISCH REGISTER.
Involutorische ligging van lineaire stralencomplexen N\'lc; —transformatie
P4f.
Isochronisme R 7 e.
Isogonale afbeelding P 5a /3; — transformatie D5co, P3.
Isomorphisme J 4 b o.
Isotherme kromtelijnen O 5 i j3; — oppervlakken O 6 m; — stelsels van
krommen O 2 m en van oppervlakken O 6 p a.
Isotropische
krommen M\'8c; — oppervlakken M29b.
Ivory, stelling van — LMOd.
J-functie F 5 b y, do, 7a.
yaarrente A 4 a.
Jacobi, ellipsoïde van — U6c; functies van — F 4 b; integratiemethode
vóór en van — H8a, b; kromme van — L^Ob, Ls48d, M\'4e; om-
keeringsprobleem van — G 3 e; oppervlak van — Ma 4 e; symbool van — I 4 c;
vergelijkingen van — R 6 b y.
Jonquières, transformatie van — P 4 d.
Joule, wet van — T 7 a.
Karakteristieke aanwijzers van Cauchy Q 3 c a; — eener lineaire substitutie
B2aa.
Karakteristiekentheorie N44 a, f, g, h.
Keerpunten M\'4 b; hypocycloïde met drie — Ml5b en met vier — M\'8ao.
Kegels M27d, 04b; kwadratische — K45b, L22, 4d, 6b,c, 40a, 43c,
47g, 48da, M35cy, N\'4 f.
Kegelsnede{n) L»; — (n) in de ruimte LM7g, M\'3e, M35ca, N1 4 f, 3a,
N23a, NM c, 2i; —(n) in het vlak L22h, M\'3iy,5f, 6e,N*4b,2h:
cirkel als — K 40 d; oppervlakken voortgebracht door — (n) M\'9 d
O 6 d (zie verder focaalkegelsneden).
Kegelsneebuigpunten
Ml5e/3, O2jo.
Kegeltoppen-, — -kromme LM8d;-----oppervlak LM9a.
Kenmerken van convergentie D 2 a a; — van deelbaarheid I 2 b.
Kern-,-----kromme L248d;-----oppervlak L849a.
Kettingbreuken, ontwikkeling in — D2e, E3b, 4b; rekenkundige —
I24c; stelkundige — D2d, f.
Kettinglijn M4b, 1.
Kinematica R 4.
Kinematische meetkunde O 8.
Kirktnan, stelling van — L14 c.
Klasse van krommen M\'4b, M34a; — van oppervlakken MM a; —(n)
van vormen F8e, 144, 45ay, cfl, 48a.
Klein\'scke functies G 6 a.
Kleine bewegingen R8a, S4b, 2b, 5b.
Kleinste kwadraten J 2 e; — werking R 6 b.
Koorden van ruimtekrommen M2 7 a, M3 4 b, 5b; beweging van — R 8 e a;
evenwicht van — en-----veelhoeken R 4 b; supplementaire — L\' 3 c.
Korkine, herleide vormen van — I45a/3.
Krachten, samenstelling en ontbinding van —R4a.
-ocr page 109-
ALPHABETISCH REGISTER.                                        97
Kritische punten van differentiaalvergelijkingen H4a, 7b;-------van inte-
gralen H 1 g.
Kromlijnige coördinaten 0 2n, 6q.
Krommen, vlakke — K 10, 11, 12, L1, M1, M* a—g, m, NMb.c,
2h, i, k;-----complexen N!3;-----congruenties N23, ruimte-----L213,
17 a, h, 18 d, MMa», M3, M*g, h, m, N*2k, O 3, 5, Q3 c.
Kromming L\'6, L\'ll, 02h, 5 f, p, 6g.
Krommings-,-----afwijking O 2 e a;-----as03d;-----maat C4d;-----mid-
delpunt L\'6a, 10b, 11 b, LMle, M25dj8, 02e, 3d, 5ga; — -zwaar-
tepunt 02 da.
Kromte-, — -bol M32d, 03ga;------cirkel L\'0b,c, M\'3i3,M32d;
-----lijnen LMlc, d, f, 12b, M«4f, Oöh, i, ma, P5bj3;-----schroef-
lijn M32d;-----straal L\'6a, b, 10b, 11 b, LM1 b, M>3i/3, 02e, 3d;
-----vlakken M31 a, 0 3 b.
Kronecker, aanwijzers van — O 3 ca; rekenkundige theorie der stelkundige
functies van — D6j.
Ktibische determinanten Bid; — krommen A4d, M\'5, M35, N\'lka,
N^3b, N*2ka; — oppervlakken A4d, MJ3.
Kubusverdeeling K 21 c.
Klimmer, oppervlak van — M34k; vergelijking van — H 5 f j3.
Kwadraatresten 14, 5 c.
Kwadraten, kleinste — J 2 e.
Kwadratische complexen La17d,f,N\'l e—j,2c,d,e; — congruenties L217h,
N2 2c; — inversie L\'15 b , LH6b; — oppervlakken L«, M24g, M35c,
N\'lja, |3, 4a, NMa, d, 2j; — vormen B10, C4b, F8e, 113, 14,
20a, 21a, b.
Kwadratuur Hl c, 9c; — van den cirkel K21 d;-----formules C2j.
Lacunaire ruimten bij functies D4ea.-
Lagere meetkunde K; — stelkunde A.
Lagrange, reeks van — D3cy; stelling van — J4b, S2a; vergelijkingen
van — R 6 b a.
Laguerre, weerkeerige halfrechten en halfvlakken van — P6b.
Lamé, functies van — D 6 g; reeksen van — D1 d y; vergelijking van — H 5d 3.
Landen, transformatie van — F 5 e a.
Laplace, functies van — H12c; integratiemethode van — H9e; trans-
formatie van — H 5 h a; vergelijkingen van — H 5 i.
Laurent, reeks van — D 3 b a.
Leffler, stelling van Mittag- — D4ca, e/3, 6ba, F3ao.
Legendre, stelling van — K 20 f; symbool van — 14 a; veeltermen van —
D1 b /3.
Lemniscaat Ml6ba; beweging in de — R7ea;-----deeling F 6b.
Lengte van bogen KlOc; L\'9b, c, d; — van normalen Ll5c; — van
segmenten M\' 3 d, Ma 2 d (zie verder rectificatie).
Levende kracht R 6 a 0.
Levensverzekering J 2 d.
Lexell, stelling van K17ca.
Licht T 3; meetkunde der-----stralen 0 7 b.
Lie, stelling van — J 4 f.
7
-ocr page 110-
98                                        ALPHABETISCH REGISTER.
Limaion van Pascal M16 h.
Lineaire complexen N\' 1 a—e,2b,3aa,4aa; — differentiaalvergelijkin-
gen H2c(, 4, 5, 9h/3, 10, 42 e/8, g,h; — factoren A3au, 118 b;
— stelsels B6b, 10c, K18a, L\'21, LM9, MM f, MM e, f, M»5j,
N\'lc; — substituties B2, I12a; — vergelijkingen A2a; — vormen
B6c, 112, 20a.
Lobatcheffsky, meetkunde van — Q1 b.
Logarithmentafels, X 2.
Logarithmische functies D6b,c, Glb/3; — spiralen M4d.
Loxodromische lijn M4 h.
Lijfrente J 2 d.
Lijnen,-----paar L1 8 a (zie verder stralen en rechten).
Lijstoppervlakken O 6 b.
Macht-, — (en) van veeltermen Alc; — -cirkel K16d;-----lijn Kil a,
löd, 20a; — -punt Klla, 18a; — -reeksen D2bo, e, 6c a, F1 g>
3b, 7bo;-----resten 14,5c, 7;-----vlak K18a.
Maclaurin, ellipsoïde van — U 6 b; reeks van — C1 e; stelling van —
L\'lb.
Magnetisme T 3 c, 6.
Malfatti, vraagstuk van — K12b/3, 19 b/?.
Malus, stelling van — O 7 b.
Massa, meetkunde der — R 2.
Matrices B 1 a.
Maxima en minima A2b, Cl f, Ol;--------van bepaalde integralen J 3 a;
vraagstukken van----------K5d, L\'19c, LMOf.
Maxwell, theorie van — T 5 c, 7 d.
May er, wet van — S 4 a.
Mechanica H3b, 08, R, S, U; toepassing van Abel\'sche integralen op
de — G 5 b; toepassing van elliptische functies op de — F 8 h.
Mechanisch warmte-equivalent S4a; — (e) rekenwijzen X 7.
Medianen K 1 b (8.
Meetbare wortels A 3 g.
Meetkunde K—R; — der lichtstralen 0 7b; — der massa R2; — der on-
eindig kleinen O 1; — der segmenten R 3; — met n afmetingen P 4 h,
Q2, 3b; — op een kromme KlOd, M\' 2, M31 d; — op een regelvlak
Ma 7 a; — van Cayley LM1 f; — van het aantal N* 2; analytische — K 6, L,
M, N; beschrijvende — K22, 23; kinematische — O8; lagere — K;
niet-Euclidische — Ql.
Meetkundige beteekenis van invarianten B4f, L\'18 a, L\'18 c; — plaatsen
K5d, L\'4c, 5d,15, 18c, L22c, 5b, c, 6"b,c, 7 b,10a,c, 16, 17h,
18eo, g, M\'3j y, M»2ha, N*2b, c, d, 08a, b, c, P2c; — toepas-
singen BlOd, e, F8f, g, Gle/3, 6a/3; — theorie van het licht T3a;
— voorstelling van onbestaanbare grootheden B 12 a.
Mehler\'sche functies D 6 e.
Meroniorphie van functies D 4 c.
Methodologie Vla.
Metrische eigenschappen van krommen M\'3, Ms2; — — van oppervlakken
M»2, 7d.
-ocr page 111-
ALPHABETISCH REGISTER.                                        99
Meusnier, stelling van — O 5 f.
Middel-, — -kromme M\'3f; — -lijn L\'3, LU, M\'3f, M22f, M35e,
N\'lb, e; — -oppervlak M22f;-----punt L»3, "18c, L24, 18g, M22e,
NMe;-----puntsdoorsneden L25b; — -vlak L24, M22f.
Middenstof, kinematica eener continue — Rl h; weerstand der — R7bfl,
c o , S 2 f.
Minimaaloppervlak ken M2 9 e, O 6 h.
Möbius, cirkel verwantschap van — P3c«.
Modulair-,-----functies F 7;-----vergelijkingen F 5 b fi, d.
Modulus F3b, G 4 d /3; — van krommen M\' 2 b ; — van oppervlakken M2 8 f;
complexe — I 5 b; ondeelbare — 1 3 a.
Moment R 2 d, 3; traagheids-----R 2 c.
Monge, cirkel van — L1 4 b o ; integratiemethode van — H 9 a, b; vlak en
bol van — L2 6 b o.
Monodromie D 6 a o, G 3 h.
Multilineaire vormen BH c.
Multiplicatoren F 5 b tf, d/3, Hl f.
Navelpunten L25a, 12b, 05h.
Negen , aantal kwadratische oppervlakken, die aan — voorwaarden voldoen
N4 2 j; betrekking tusschen — punten cencr kubische ruimtekromme M3 5 g;
-----puntscirkel K 2 c.
Negende, constructie van het — punt gemeen aan twee kubische krommen
M\'5io.
Nellen van krommen Kil a, L\'20, M\'le, 5 i y, M35j; — van oppervlak-
ken K 18a, L218, M2 Ie, N2 2b.
Newton, binomium van — A 1 c; stelling van — A 3 d, L\' 1 b, M1 3 d » ;
—  \'sche aantrekking R 5 a.
Niet-, — -eenwaardige afbeelding P5d en functies D5d; — -Euclidische
meetkunde Ql; — -lineaire differentiaalvergelijkingen H 3, stelsels N4 en _
transformaties B4j;-----oorspronkelijke groepen J4a0.
                              JYo-*^*>-
Normaal-, — -krommen Gld/3, M\'2b;-----oppervlakken M28f;----vlak- ca.*A«~»
ken O 3 a.                                                                                   ° y\'
Aonnalen aan krommen L\'5, 10b, 11b, 19b, M>3i, M32d. 02b, 3a; "*■* \'
—  op oppervlakken L28, 10b, M22h, 4h, 0 4dn, 5c;-----regelvlak
L\'8cr, t, 04do, 5g.
Nulpunten van functies D3fo, Flb, 2g, G3d.
Nulstelsel P 2 a.
OctaSder, groep van het — A 4 d n.
Ohm, wet van — T 7 a.
Omgekeerde berekening van bepaalde integralen E3a, 4a.
Omgeschreven bol K16b; — cirkel K2a; — cycliden M24g; — kegels
L26b, c, 10a; — vierhoek K8c; — veelhoek Kllc, L\'14, 19c,
LMOf, M\'5a.                            q^p
Omhullend{e)kromme K5d,L\'18c; -IoppervlakL217h,18do,g,M32dp,
N22a, 03f, 6c, j.
Omkeering van functies H 4 f.
Omkeeringsprobleem van Jacobi G3e.
-ocr page 112-
IOO                                           ALPHABETISCH REGISTER.
Omwentelingsoppcrvlakkcn K15, L22e, 7d, 21 c, M29d0, M35cp, MM,
0 6 a n, R8cn (zie ook bol).
Onbepaalde integralen C 2 a—h; — uitdrukkingen C 1 e a; — vergelijkingen
13, 12b, 19; — vormen 116, 17ao; complexe — grootheden I15b.
Onbepaaldheid\', grenzen van — van divergente reeksen D2ai en van func-
ties Dia.
Onbeperkte uitdrukkingen B 12 f.
Onbestaanbare cirkel K 10 d, 16 e, M^ 9 b; — cirkelpunten K 10 d, M\' 6 g, 8c;
—  grootheden B12a; — punten en lijnen L\'8 b; — (n) van Galois I3c;
—  veranderlijken D 3, 4, 5; — wortels A3d, e.
Ondeelbare getallen I2b, 5a, 9, 13c.
Ondoorloopende functies Dia; — groepen B2d|3, J4e.
Oneindig kleinen C; meetkunde der-------01.
Oneindige producten D2c, 6cy, Elb.
Ongelijkheden A 2.
Onherleidbaarheid van congruenties I3c; — van differentiaalvergelijkingen
Hle, 4c.
Onregelmatige integralen H 4 a n.
Ontaarde krommen Ll8a, M24ba, e|8; — oppervlakken Ls2j.
Ontbinding van breuken A 5 a; — van functies D6b#,cn,/3, y, F 2 d; — van
getallen in factoren I 2 b n, 5 a en in sommen van vierkanten F 8 d, I 8 c,
13b o; — van integralen Gl b; —van krachten R4a; —van quaternions
1 6 b; — van stelkundige vormen A 3 a a , MJ 3 g; symbolische — H 4 h.
Ontivikkelbare oppervlakken K15, L22,17b, h, M!la«, 7c, M3la, 5c,
M4k, N2lb, O 4c (zie ook cylinders en kegels).
Ontwikkeling van bepaalde integralen in kettingbreuken E 3 b, 4b; — van
functies in kettingbreuken D 2 e |8, in oneindige producten D 6 c y, Elb,
Flc, g, 3d, 7b/3 en in reeksen Dlb, d|3, y, 8, 3ba, 6ca, 0, E 1 c,
Flb, g, 3a, b, c, 7ba, y, G3i, U4; — van reeksen in ketting-
breuken D 2 e.
Ontwindende M\'3io, M32d«, M*c, 02ga, 3fn; spherische — 02h|3.
Ontwondenc L\' 5 e, M1 3 i «, 6 b y, M3 2 d a, 0 2g, qt, 3f; spherische — O2ho.
Onveranderlijke figuren O 8 a—e, Rib, c, 8a, b, c.
Oorspronkelijke groepen J 4 a /3.
Oplossing van vergelijkingen A3g, D3c|8, F8b, K20ca, X4b; afzon-
derlijke — (en) van differentiaalvergelijkingen H 2 b.
Oppervlakken L2, M2, M4 i—m, n, O 4, 5, 6; afbeelding van — P 5; bewe-
ging langs — R7a|8; buigzame onuitrekbare — R 4 b a; samenhang van —
Q3a; veerkrachtige — T2ai; — -complex N\'4; singulariteiten----N11 g
(zie verder bol, cylinder, kegel, minimaaloppervlakken, ontivikkelbare
oppervlakken, orthogonaal oppervlak,
enz.).
Oppervlakte K14d, 15a, b, 17c, L220a, M22a, M32a, 05b, R2b/3,
c«, X 4 a (zie inhoud voor oppervlakte van vlakke figuren).
Optelling Ala, II; — van functies F4a, 8fy, G4a, Hllb, K20a.
Orthogonaal-,-----oppervlak en-----punten M3 5 f.
Orthogonale bollen K18a; — cirkels Klla; — krommenstelsels O 2 k;
—  oppervlakkenstelsels OOp; —substituties BlOa; —trajectoren M\'8f,
02k, 6o.
Orthoptische cirkel L\'4ba.
-ocr page 113-
ALPHABETISCH REGISTER.                                            IOI
Osculaticz\'lak (zie kromtevlak).
Osculeerende krommen M\'3iy, 0 2i; — hyperboloïden O 4 do.
Overlaten S 3 a /3.
P-functie El g, i.
p(ti) F2h, 3, 4 a, c, 5ba, co.
w, berekening van — K10 c; transcendentie van — I 24 b.
Pappus, kegel van — L22f; stelling van — L\' 1 b.
Parabolische punten MMco.
Paraboloïde L3 21 a; — der normalen O 4 d o.
Parabool L\' 10, 13 a, b, 18dy, M\' 5k0; ruimte- — M35h„.
Parameter, verwisseling van — en argument G 1 c.
Partilele differentiaalvergelijkingen H7, 8,9,10, N*lg, h, Rübo, /3, ?.
Partitie F 8c », 110.
Pascal, driehoek van — Al ca; limacon van — M\'6h; stelling van —
L\'lc, L314aa, M\'5g.
Peil, vergelijking van — 113 f.
Peninvarianten B 4 g.
Pen taf der (zie vijf vlak).
Pentaspherischc coördinaten O 6 q 0.
Periodieke breuken D2dn, I 23 a n; — functies D 3 g, F, G; — integralen
Glc, 2b, 4d«.
Perken, wet der — R 6 a y.
Permutaties J 1 a o.
Perspectief K 23.
Perspectieve ligging K5c, 14eo, Pld.
Perspunt Sla.
Pfaff, integratiemethode van — H8an.
Philosophie der wiskunde VI.
Physica, mathematische — T.
Physische leer van het licht T 3 b; — mechanica R 9.
Planeten , beweging der — R 7 b a, UI; gedaante der — U 6 d.
Planimeter X 6.
Plücker, formules van — M11 b, M31 a.
Pneumatica S 5.
Poinsot, theorie van — R 8 a.
Poisson, stelling van — H 8 b.
Polair net, stelsel en veld L\'J 3 d, P 2 b.
Poncelet, stelling van — F8f/3; veelhoeken van — L\'17d, LJ18b.
Pool van een functie D 3 f n; — van een lijn K10 b, L1 2 a, c, M\' 3 e; — van
een vlak K16c, L23, 10a, M22e, N\'lb;-----cirkel K16d; — -con-
gruentie N\'le; — -driehoek KlOb, 17a, L\'2b, 17a, 18b;-----figuur
N\'2c;-----hode F8hy; — -kromme M\'lc, 3iJ, 5g; — -lijnen K7d,
10b, 16c, L\'2a,c, LJ2a, 3c, N\'le; — -oppervlak W 3 c; —-viervlak
L"3b;------vlak K16c, L\'2a, 3, M35e, N\'lb; — -vormen B6a;
-----vormingen MMc;-----zesvlakken M23c.
Potentiaal D5c, HlOd, R5a, c, T5; thermodynamische — S4a.
Priemgetallen I 9.
Primitieve wortels I 7 a.
-ocr page 114-
102                                      ALPHABETISCH REGISTER.
Projectie, leerwijze der —(s) LM e, Plb; scheeve— P4b; stereogra-
phische — P 3 b o.
Projectielen R 7 b y , l, 8 c /3.
Projectieve bundels M\'ldo; — eigenschappen M11, M21, 7 d, M31, P i a;
—  puntenreeksen, stralenbundels en vlakkenbundels K7b, c, e, 10d,
L11 d, PI; — transformatie L\' 1 e, LM c.
Projectiviteit K 7 b, c, PI.
Pseudo-elliptische integralen C 2 d o.
Pulseerende bollen S 2 e /3.
Punt-,-----bol K16e, N\'2a, d, N22a.
Punten op een krommeKlOd, M\', 2c, 3e, 4d, e, MMd; — op een op-
pervlak M22e;-----paar L\'8a, M\'5ga, 6ea, M35d, 6b;-----reeks
LM d, Pla;-----ruimte P2a; — -veld Pi b, 2a, c.
Q-functie El g, i.
Quadratrixen M4 f.
Quadricuspidale en quadrispinale oppervlakken M2 7 b o.
Quaternaire vormen B9, 10e.
Quaternions B 12 d, 16.
Quetelet, focaalkromme van — M\'5ca.
Raak-,------lijnen L14, 10a, 11a, 19a, M\'la, MM a, 02b, 3a; —
-vlakken L26a, d, 10a, M\'lb, 05c.
Rang M\'la, MM a.
Rationale breuken A 5 a; — functies C 2 a; — geheele vormen A 3 a;
—  krommen K10, L\', M1 4a, 5 a, b, c, k/3, 6a, b, h, M34a, 5, 6a;
— oppervlakken K16, L2, M27b5, 8a,b; —transformatie P 6 a; reeksen
met — termen D 2 b y, 6 c |3.
Rechte van Simson K 2 a; de 16 — (n) van een oppervlak van den vierden
graad met dubbelkegelsnee M2 4 e; de 27 — (n) van een kubisch opper-
vlak A 4 d, M2 3 d (zie verder beschrijvende —, dubbel- —, enz.).
Rechthoekige driehoeken K 3 c; — hyperboloïden L2 21 b; — kegels L2 2 f
(zie verder orthogonalé).
Reciprociteit L1 2 a, L2 3 a, P2; — (s)-wet I 4 a 0, co.
Rectificatie K21d, 02c, 3c (zie verder lengte, enz.)
Recurrente reeksen H12d, e, f.
Reeksen Al a, D, Jl da, 2; bijzondere— Cl e, Dl ba—t, c, d/3, y,3ba,c y,
F3a, 7ca, H5f, 12d, e, f; integratie door — Hl c, 10c; voorstelling
van functies door — D 1 b, d; volg- — I 25 a.
Regelmatige combinaties J 1 b jS; — integralen H 4 a; — uitdrukkingen
B12f; — veelhoeken K9b; — veelvlakken K14c.
Regelruimte O 7 a, b, c.                                     m
Regelvlakken L27d, M23a, 4a, b, c, 6a, 7, N*2e, 04 (zieookcylinders
en kegels).
Reken-, — -kunde I, — -kundige theorie der kettingbreuken 123 en der
stelkundige functies D 6 j;-----kundige toepassingen van elliptische func-
ties F 8 c en andere functies G 6 a y; — -machines X 5;-----platen X 3;
— -wijzen X 1, 7.
Residu\'s van dubbelintegralen D 3 e; — van dubbelperiodieke functies F 2 a.
Resten, Sturm\'sche — A 3 d a; macht- — 14,7.
-ocr page 115-
Resultant B 3 a.
Reye, complex van — N\'lh; configuraties van — Q4a.
Ribben van regelvlakken O 4 e.
Riccati, vergelijkingen van — H 2 c y.
Richt-,-----bollen M24f;-----cirkels L\'7a, M\'6d;-----krommen L28cy, i,
M27a, b/3, NM a, P2b.., d;-----lijnen L1 7, 18c, L28c|3;-----opper-
vlakken P 2 b a;-----vlakken O 4 h a.
Richting M1 3 c, M2 2 c, M3 2 b; — (s) -krommen Ml 8 b; — (s) -oppervlakken
M2 9 a; hoofd-----bij oppervlakken O 5 d.
Riemann, meetkunde van — Q1 c; stelling van — M1 2 c e; theorie der
functies naar — D 5; — \'sch vlak D 5 b, 6 a y.
Ringoppervlak M2 4 i l.
Roberts,
transformatie van — P 3 c /3.
Roch, stelling van — M\'2co.
Rolkrommen O 2 p, O 3 c fi (zie ook cycloïde).
Rolle,
stelling van — A 3 d, Dlc.
Ruimte met n afmetingen P4h, 6g, Q2; — -connexen N3f;-----krommen
L213, 17a, h, 18d, M2laa, M3, M*g, h, m, N*2k, 03, 5, Q3c;
-----stelsels in projectieve verwantschap P 1 c; cirkel-----O 7 d; regel-----
O 7 a, b, c.
«r-functie Fl g, 2 h.
Saint- Venant, vraagstuk van — T 2 a /?.
Samen-, — -gestelde slinger R 8 d; — -hang van oppervlakken Q3a;
-f- -stelling van krachten R 4 a, van segmenten R 3, van logarithmen-
tafels X 2 en van vormen I13g;-----stellingsfactoren B2aa.
Schaakspel Q4b.
Schaar van krommen L\'18, 19, M\'ld, 5i; —van oppervlakken L210, 17,
M21 e (zie ook bundelschaar).
SchadiiTülijnen O 4 e.
Scheeve determinanten B 1 c &; — projectie P 4 b; — vierhoek K13 c.
Schroefllijn M* g, O 3 k; — op den kegel O 4 b a; kromte-----M32d,O3g0.
Schroef vlak M* i, j, k, O 6 a.
Schrijfwijs, symbolische — B 4 e.
Schuine poolkrommen Ml 3 i o; — pooloppervlakken M2 2 h y; — trajectoren
O2o,4bo.
Schijnbare dubbelpunten M21 a a, M31 b.
Sector en segment KlOc, 16 g.
Semi-invarianten B 4 g.
Sextactische punten M\'5e/3, 02jn.
Simson, rechte van — K 2 a.
Simultane differentiaalvergelijkingen H 9 h.
Singulariteiten van functies Dia, da, 3f, 4d; — van krommen M\'lb,
02j, 3h; — van oppervlakken M2lb, 3h/3, 4a, b, c, e, 05o;
— -oppervlak N\' 1 g (zie ook buigpunten, dubbelpunten, fteflecnodaalpunten,
keerpunten, kegelsneebuigpunten, kritische punten, tiavelpunten, nulpunten,
parabolische punten,
enz.).
Slinger, conische — F8ho, R7go; enkelvoudige —« R7fa; samenge-
stelde — R8d.
-ocr page 116-
104
ALPHABETISCH REGISTER.
S>t(it) F2g, h, 3b, c, 4 a, c, 5b, c.
Snaren, trillende — T 2 a y.
Snelheid van het geluid S5b; virtueele — Röan.
Snij kromme van twee oppervlakken MJlao, 8 g (zie ook bikwadratische
ruimtekromme).
Snij lijnen
M31 b (zie verder transversalen).
Snijpunten
B3d«,LM8a, M\' 2d,5e.
Sommen van Gauss F 8 c |3; — van machten A 1 c, B 6 c, M2 3 g.
Sommeering van reeksen H12an, Jtfl-
Spelen J2c, Q4b, c, R9bo.
Spherisch exces K17c; —(e) kegelsneden L22g, M36e; —(e) kromming
O 2 h; — (e) ontwindenden en ontwondenen O 2 h a, 0.
Spinodaalpunten MM ca.
Spiraal M4 c « , d, e; — -oppervlakken O C b.
Spirische krommen M\'Of.
Stabiliteit R8a, S 1 b.
Stangenstelsels R \'1 e, 4 c.
Statica R4. 9a, S1.
Stationaire kromtevlakken M3 la; — punten O 3 h <i.
Statistiek J 2 d.
Staudt, voorstelling van onbestaanbare punten door von — L\' 8 b.
Steiner, kromme van — MMc, 5g; oppervlak van — MMc, 3c, 4d;
stelling van — LM c; —\'sche puntenparen M\'5go, 6 e o, M36b.
Stelkunde A—K; combinatorische — Jl ; lagere — A.
Stelkundige functies D6a; — geheele getallen I22a; — hoofdbewerkingen
en formules Al; —■ kettingbreuken D2d, e, f; —toepassingen der inte-
graalrekening C2c en der functieleer F 8 a, G5a; — voorstelling van
getallenfuncties 111 b.
Stelling van Abel, enz. (zie de namen).
Stelloïden M\'8f«.
Stelsels van bollen K18; —van cirkels Kil; —van lineaire differentiaalver-
gelijkingen H 4 j en andere vergelijkingen A2a; — van normalen L2 8 c ;
— van primitieve wortels I 7 a; — van vormen B 5,6b,7 f, 8d,9d,10 b—f,
11 b, 120; beweegbare — Rif (zie verder lineaire stelsels en niet-lineaire
stelsels))
v*~ \'va w^~~Jx—hyoeA*A<~S K(\\(Z-
Stereographische
projectie P 3 b o.
                     ^-/
Stereometrie K13—20.
Stirling, formule van — E1 e.
Storings-,-----functie U4, 5;-----theorie U3.
Stralen-, — -bundel L\'ld, Pla;-----complexen en — -congruenties (zie
complexen en congruentie);-----net en — -velfl P 1 b, 2a, c;-----stelsels
0 7 a, b, c.
Slriclielljn (zie intrekkingslijn).
Strophoïden
M\' 5 c o.
Sturm, stelling van — A 3 d; — \'sche resten A 3 d o.
Substitutie 116a, J4a; herleiding eener — 115da; lineaire — B2.112a;
orthogonale — B 10 a.
Supplementaire boldriehoek K17a; — kegels La2a; — koorden L1 3 c.
Sylvester, stelling van — A3d; vijfvlak van — NP3c.
-ocr page 117-
I05
ALPHABETISCH REGISTER.
Symbolische ontbinding van differentiaalvergelijkingen H4h; —schrijfwijs B4e.
Symbolen van Cauchy B12c; — van Dirichlet I5co; — van Jacobi I4c;
— van Legendre I 4 a.
Symedianen K 1 b K
Symmetrie-as L1 3 a, M1 6 f (zie verder assen).
Symmetrische determinanten Blcn; — functies A3b, B3b, do.
Synchrone krommen R 7 e 3.
Syzygetische bundel M\'5i /3.
Tafels J 1 d (3, X ; integraal-----C 2 h.
Talstelsels I 4.
Tautochronisme R 7 c.
Taylor, reeks van — Cle, Dlc, 3b 1..
Tertiaire vormen B 8, 10 d.
Tetraeder, groep van het — A 4 d a (zie ook viervlak).
Tetraëdraal complex N\' 1 h.
Tetraedroïde Ms41.
Iheoria motus U 2.
Thermische werktuigen S 4 b ;3.
Thermo-,-----dynamica S 4; — -electriciteit T 7 b;-----metrie T 4 a.
Theta-functies Fl, 2g, 4a<i, G3aa, c, 4c, M88d.
Thomson, beelden van — T5a«.
Tien, betrekking tusschen — punten van een kwadratisch oppervlak L,31 a.
Toegepaste wiskunde J 2, R, S, T, U.
Toegevoegde bollen N\'2c; —complexen N\'lb; —connexen N3a;—krom-
f £lb(o men/05k; — middellijnen L\'3b, c, Ls4 b; — punten L\'2 a, LJ3 a,
•
                   15b, 18d, M\'6e, M23c, 4g, M35d, 6b; — rechten L\'2 a, L*3 a,
M\'3g, N\'lb; — stelsels van vergelijkingen H4j; — vergelijkingen
H4b; — vlakken L83a, 15b, M35d; — vormen BlOa.
Tol R8c|3.
Toor M24ifl.
Tocmervierkatiten Q 4 b a.
Toppen L\'18c, LJ6b, 17h, O2jo; — bij een regelvlak 04e.
Torricelli, stelling van — S3a.
Torsie 0 3e, j, ö f o.
Totale differentialen G 2 a; — differentiaalvergelij kingen H 6; — kromming
02hr, 5p,6g.
, Traagheidsmomenten R 2 c.
Tractrix M4 b o.
Trajectoren M\'8 f, 02k, o, 4b o, 60.
Transcendente, getallen 124; — krommen en oppervlakken M*, O; — ver-
gelijkingen A 31, D 1 b S.
Transformatie
P 2,3, 4, 5,6; — door weerkeerige poolfiguren L\' 2 a, L3 3 a,
P2 en weerkeerige voerstralen L\'15 b, Ls16b, P3b; —van differentiaal-
vormen C4b en differentiaalvergelijkingen Hli, 2d, 4d, 5ho, 7c; —
van functies F5, G4b; — van krommen L\'le, M\'2b, M35a, P4, 6;
— van oppervlakken LMc, M28f, 0 4g, 0 6k, P5, 6; — van verge-
lijkingen A 3 h; — van vormen B 5 c, F 8 e (8 ; anallagmatische — M\' 6 d;
birationale — Gld, M>2b, MJ8f, M35a, P 4; infinitesimale —H 1 d o;
-ocr page 118-
I06                                      ALPHABETISCH REGISTER.
isogonale — P3; projectieve — L\'le, LMc, PI;----groepen J4, P4g.
Transitiviteit J 4 a o.
Transversalen, theorie der — Kia, M\'3do, M\'2dn.
Trapezium K 8 d.
Trigonometrie K 20 e (zie ook boldriehoeksmeting)
Trillende snaar T 2 a y.
Trisectie van den hoek K 21 b.
Tweede, kromme van den — (n) graad (zie kcgelsneden); oppervlakken van
den — (n) graad (zie kwadratische oppervlakken); enz.
Typische voorstelling van binaire vormen B 4 i.
Uitdrukkingen voor ds2 bij een oppervlak O 5 e, 61.
Uitstrooming van gassen S 5 a; — van vloeistoffen S 3 a.
Uitzetting T 4 a.
Unicursale krommen, enz. (zie rationale).
Uniforme convergentie D 2 a y.
Variatie, methode van de — der constanten H 1 c;----rekening H 3 b o, J 3,
R6b, 7d.
Veel-,-----hoeken K9, He, 17e, 20ea, LH7d, 19c, LMOf, M\'5a, eg,
R4b;----termen Alc(3, 3a o, Dlbfl, H5g;----vlakken K14;----voud
A3c, I2a; —■ -voudige coïncidenties M\'2a, integralen C2g, h, X4co
en punten, lijnen en krommen M\'lb, 4ao, MMb, 4a, b, c, e;
— -waardige transformaties P 5 d.
Veerkracht T 2.
Veranderlijke figuren N*2b, c, d, 08e, Rlbn, co.
Verdubbeling van den kubus K 21 c.
Vergelijkingen A 2, 3,4, B 3; onbepaalde — I 3,19 ; oplossing van — D 3 c (3,
F4d, 8b, K20ca, X4b; modulair- — F 5 b 0, d (zie verder onder
differentiaal- —, dynamica, functionaal- —, enz. en voor bijzondere —
A4b, c, I13f, L*4a).
Verkorte en verlengde cycloïden Ml 8 a.
Vermenigvuldiging Al, II; — van bogen K 20 b; — van determinanten
Bib; — van functies F4b, c, G4a; commutatieve — B12co; com-
plexe — F 6 c, 8 e o.
Verschikkingen J 1 a.
Verspreiding der priemgetallen I 9 b; — der stroomen T 7 a.
Vertakkingspunten D 3 f y.
Vervorming van oppervlakken O 4 g, 6 k; — van vergelijkingen A 3 h.
Verwachting, wiskundige — J 2 c.
Verwantschap van Móbius P 3 c a; — van Roberts P 3 c 0; projectieve — PI
(zie verder transformatie).
Verzamelingen, theorie der — van Cantor J 5.
Verzekering J 2 d.
Vier punten op een cirkel K 8 b; aantal rechten die aan — voorwaarden
voldoen N42g; — -hoeken K7d, 8, 13c; ontbinding van getallen in
sommen van-----kanten F8d, I8c, 13bo, 17b, c;-----vlakken K13c,
16 b, L23b, 17 d (zie ook tetrafder);----vlakscoördinaten K6a;----zijden
K7d, 13 c.
-ocr page 119-
ALPHABETISCH REGISTER,                                       107
Vierde, krommen van den — (n) graad of de — klasse M1 6; oppervlakken
van den —(n) graad M*4 en de —klasse M25c, d; ruimtekrommen van
den —(n) graad M36a-f; vergelijkingen van den — (n) graad A3k.
Virtueele snelheden R 6 a o.
Vlak van Monge L»6bo; Riemann\'sch — D5b; — -bol N12a, Na2a.
Vlakke doorsneden L22c, 5, 10c, MJ4g, 8c; — driehoeksmeting K20e;
—  krommen K10, 11 , 12, L\', M\', M*a-g, m, N*lb, c, 2h,i,k;
—  kromtelijnen O 5 i a.
Vlakken-,-----bundel K7c, e, Pla; — -net Plb; —-paar Ls2j, M35d;
-----ruimte P 2 a.
Vliegwiel R 9 d.
Vloeistoffen, beweging in — F 8 h l; mechanica der — S, U 6, 7, 8.
Voerstralen, transformatie door weerkeerige — L\'15b, L*16b, P3b.
Voetpunts-, — -krommen L\' 15 a, M\' 3j a, 5 k /ï, O 2 q a;-----oppervlakken
L\'16a, M82ia, 06ro.
Volgreeksen I 25 a, J 1 a 0.
Volledige combinaties J 1 b 0; — differentiaalvergelijkingen H 6; — vierhoek
en vierzij K 7 d.
Volstrekte convergentie D 2 a /3.
Volume K13c, 14d, 15a, b, 16 g, L*20b, M*2b, 05a, R2br, c/3, X4a.
Voorstelling van binaire vormen B 4 e; — van functies Dlb,d, 6co, /3,
F 2 b; — van getallen en getallenfuncties 111 b, 12 b, 13 b, 17, 18 c;
—  van onbestaanbare grootheden L1 8 b; typische — B 4 i.
Voortbrengende functies E3a, H12c.
Voortbrenging van complexen N\'l b, e, h, 2c; — van congruenties N\'l c,
d, e, 2c; — van krommen L\'lb, L\'llc, M\'la, da, |3, 4a, 5a, d,
6f, M35a; — van oppervlakken LMb, MMa, 3a, b, 9d, 06d, e.
Vormen B, 112—19, 20, 21.
Vorming van differentiaalvergelijkingen C1 d; — van invarianten, enz. B 4 b.
Vijf punten op een bol K16 a; aantal kegelsneden die aan — voorwaarden vol-
doen N4 2 h; ontbinding in een som van — kuben MJ 3 g; — -vlak van
Sylvester M3 3 c.
Vijfde, kromme van den —(n) graad of de — klasse M\'7a; oppervlak-
ken van den — (n) graad M* 6 a, b; ruimtekromme van den — (n) graad
M3 6 f; vergelijking van den — (n) graad F 8 b.
Waarde-, — -beloop A3a, Cl f; — -bepaling van onbepaalde uitdrukkin-
gen C1 e a.
Waarschijnlijkheidsrekening J 2.
Warmte T4.
Weber, electrodynamische theorie van — T 7 d o.
Weefsels L\' 20, V 18, M11 e, 5 i y, MM e.
Weerkeerige halfrechten en halfvlakken P 6 b; — kegels L\' 2 a; — pool-
vormingen L\'2a, 17b, L23a, 17c, P 2; — vergelijkingen A3i/3; —
voerstralen L\' 15 b, LM6b, P3b.
Weerstand R 7 b J, c o, d a, 9 a, c, S 2 f, T 2 b.
Weierstrass, reeksen van — F 3 a a; stellingen van — D 4, 6 b a; theorie
der functies naar — D 4.
Werking, beginsel der kleinste — R6b.
7^- «^^w-^^^O^ öU.
-ocr page 120-
108                                      ALPHABETISCH REGISTER.
Werktuigen R9d,S3c,4b/3.
Wervelbeweging S 2 c.
Wet der groote getallen J 2 b; — der perken R 6 a y; reciprociteits-----
I 4 a 0, ca; sterfte-----J 2 d.
Wetten van Carnot, Clausius en Mayer S 4 a; — van Joule en Ohm T 7 a.
Wilson, stelling van — I3b, 5bo.
Wortel-,-----trekking II; — -vormen A1 c /3, 4 e.
Wortels A 3, B 3 a, b; — eener congruentie I 3 a; primitieve — I 7 a.
Wrijvende vloeistoffen S 2 f.
Wrijving R 9 a.
Zes punten op een kegelsnee L\' 1 c; kwadratische oppervlakken door —■
punten L219aa; — -hoek van Pascal (Brianchon) L1 lc(a); —■ -tien 9\'s
G 3 a a ;-----vlak M2 3 c; — -voudige koorden M31 b.
Zesde, kromme van den —(n) graad of de — klasse M\'7b; oppervlakken
van den — (n) graad M2 6 c; ruimtekrommen van den — (n) graad M3 ü g;
vergelijkingen van den — (n) graad G 5 a.
.^/a-functies F 2 e.
Zeven punten eener kubische ruimtekromme M3 5 g.
Zolotareff, herleide vormen van — I15a/8.
Zwaartekracht R 5 , 7 c y, d y.
Zwaartepunt
KI b/3, 13c, 14d, 15a, 16g, M\'3a, 3e, M22e, M32c,
O2a0, d,5aa,ba R2b; beweging om het — U 9 en van het — R 6 a S.