-ocr page 1-
Vak 73
-ocr page 2-
mrn 15Z3&
-ocr page 3-
-ocr page 4-
rn
-ocr page 5-
-ocr page 6-
>mt tot mij, gij allen, <lic belast en beladen
1 zijt, en ik zal u verkwikken. (Matth. XI, 2«).
B IWhte:i M Gladbach
-ocr page 7-
^
Mg?—a
LIEFDE OM LIEFDE.\'
ui
DE WELDADEN VAN JEZUS H. HART
EN ONZE WEDERLIEFDE.
Godvruchtige lezingen
voor iedoren dag der maand Juni.
Door een tt. K. Priester.
TWEEDE VEKMEEBDEBDE DECK.
TIL B U B G,
sr
^J Stoomdrukken] van het R. K. Jongeus-AVeeshuis.
con:
ite^S
_^_3_
W i J C K E N
-ocr page 8-
£p"
-Jb
IMPRIMATUE.
M. F. DE BEEK , Sup. Gen. et Dec.
ad hoc delegatus.
Datum Tilbnrgi, 8 Martii 1888.
3ï£$lz
e.
-ocr page 9-
-----------------------------------^
VOORREDE.
p^
Deze nederige bladzijden behoeven bij
den godvruchtigen lezer geen andere in-
leiding oi\' aanbeveling dan deze weinige
woorden , die de H. Kerk met een allaat
verrijkt heeft: .. Hemind zij overal het H.
Hart van Jezus." Wanneer zullen de
gelukkige dagen eens aanbreken, dat die
wenseh geschreven staat aan het hoofd der
staatswetten. op den titel der boeken,
in den gevel der openbare gebouwen, in
de wapperende banieren der legers en in
de paleizen der grooten f..... Wat bij
de menschen onmogelijk is, is mogelijk
bij God , „ en, zoo heeft Onze Heer ge-
zegd, heerschen zal mijn Hart, ondanks
allen tegenstand."
Och, of ten minste die wenseh geschre-
ven stond in de harten aller Christenen !
Daartoe het onze bijdragen Uoor aan de
geloovigen te .doen zien, welke liefde
Jezus\' H. Hart irt. de Verlossing , in zijn
H. Sacrament, in zijn H. .Lijden en in
duizend andere weldaden betoond heeft,
ziedaar geheel de reden van bestaan van
dit werkje; en deze reden zal ons verschoo-
ning doen vinden in het oog des vromen
lezers; want wie zijn wij , om zulk een
-ocr page 10-
S iv
verhoven taak met zoo zwakke krachten
te beproeven P
Wat het plan van het werkje betreft,
dit is hoogst eenvoudig en ligt geheel en
al in den titel: „Liefde om Liefde", reeds
opgesloten. Wij moeten het H. Hart van
Jezus beminnen ; doch waarom P Omdat
Het ons het eerst bemind heeft en ons
daarvan de bewijzen bij menigte gaf. Hoe
moeten wij op onze beurt dat H. Hart
liefde betuigen ? Door aanbidding , eer-
herstel en navolging. Ziedaar het geheele
verloop. Op eenvoudige , duidelijke wijze
hebben wij getracht deze gedachte uiteen
te zetten. In hoeverre wij daarin geslaagd
zijn en eenig vuur van wederliefde in de
harten hebben mogen ontsteken , oordee-
len God en de vrome lezer.
VüOK DE TWEKDE VEBMEEEDERDE UlTGAAF.
De vereerders van Jezus\' H. Hart ne-
men ook in ons vaderland voortdurend
toe. Dit getuigen de duizenden esem-
plaren onzer eerste uitgave, die, spoediger
dan wij hadden durven hopen, geplaatst
zijn. Dank zij daarvoor gebracht aan \'t
Goddelijk Hart en het godvruchtige pu-
bliek ! Wij koesteren de hoop , dat deze
vermeerderde uitgave nog beter aan aller
wenschen voldoen moge.
-ocr page 11-
LIEFDE OM LIEFDE
OF
DE WELDADEN VAN JEZUS II. HART
EN ONZE WEDERLIEFDE.
Korf Overzicht der Geschiedenis van de
devotie tot Jezus\' H. Hart.
^jlV|JLs deze devotie nieuw in tic II. Kerk".\'
\'wx|)llelilien de Heiligen en frodvruchtige
personen van vroeger eeuwen haar
gekend en beoefend ? Als men bedenkt,
welk vooral het doel is van deze devotie,
nl. y.ooals de uitspraken van Rome zeggen:
« de oneindige liefde te i-eren , waarmede
» de Zoon (ïods zich voor mis, menschen,
» ter dood overleverde en zich zclvcn aan
Jl
fetfe?
-ocr page 12-
-E|
«ons in \'t H. Sacrament ten spijze gilt\'1),"—
dnn kan men er niet aan twijfelen, of deze
godsvrucht is zoo oud als het christendom
zelf. Van den II. Joannes Evangelist al\',
die in hel laatste Avondmaal dat II. Hart
van liefde voelde kloppen , tot op onze
dagen, zijn er altijd heilige en uitverkoren
zielen geweest , die deze liefde vereerden ;
ook hebben Kerkvaders van de hoogste
oudheid ons in hunne schriften gesproken
over de liefde van Jezus\' 11. Hart , zooals
oen II. Augustinus, een II. liernardus,
Fninciscas van Sales en anderen ; terwijl
neilig;\' .Maagden als Mechtildis, Lutgardis,
Gertrudis ons de zoetheid dier liefde niet
de teederste woorden hebben beschreven.
« Maar," zoo zegt 1\'ius IX z. g. in zijne
liulle van zaligverklaring der Zalige Mar-
garcta .Maria , «de Stichter en Voltrekker
«van ons geloof, Jezus Christus, had geen
«vuriger verlangen, dan de vlam der
«liefde, die in zijn eigen Hart brandde,
» ook in de harten der menseben te ont-
« steken. Reeds in het Evangelie leeren
cMM8DlMtit.festiSS.CordiB
1) In proposition
1697.
btfe^"
-ocr page 13-
^93
Vil \'
» wij dit; want , zejrt Hij daar. Ik heli
» een vuur op de »vereld gebracht en wal
» wil Ik anders, dan dal het ontstaken
» worde? Om echter racer en meer dat
» vuur der liefde te ontsteken, wilde Hij
» in zijne Kerk den eerediensl run zijn
» //. Ilarl doen instellen en licvorderen.
» Kn om dien lieilzaiiien remlirnxl in te
•  richten en overal te verspreiden, gcwaar-
• digde Zich Onze Heer zijne ecrliiedwaar-
•  dige dienares Mnrgarctn Maria Alacoquc
> uit te kiezen. . . . Voor liet Allerheiligste
» Sacrament in gebed verzonken zijnde,
» werd haar door den Heer gezegd . dat
» het Hem alleraangenaamst zon zijn , zoo
» er een bijzondere eerediensl werd ingericht
» ter eere van zijn II. Hart, dat van liefde
» tot de nienscllen verteerd wordt. Kn aan
» haar droeg Hij de zorg hiervoor op."
Dit had plaats op het einde der 17,le
eeuw. Hevig was de tegenstand, dien
deze godsvrucht in den beginne ondervond,
zoowel van wegc de godvruchtigen, welke
daarin eene tot nu toe ongekende nicuwig-
heid meenden te zien, als ook van wegc
de Jansenisten en ongeloovigen , die mis*
-ocr page 14-
m
B?
schicii inzagen, wat machtig middel deze
devotie worden zou om geloof en liefde
weder in de harten der Christenen te
doen Moeien. De eersten waren natuurlijk
spoedig tot ;indere gevoelens gebracht;
maar de steeds aangroeiende haat der
laatsten leverde liet bewijs, dut deze gods-
vruelit inderdaad het werk Gods was;
hun tegenstand diende slechts om de leer
der Kerk aangaande dit punt duidelijker ie
doen omschrijven en overal te verspreiden.
Kil thans, op de dagen, die wij beleven,
is deze godsvrucht beoefend over gansch
de wereld; uit alle. oorden der aarde st i jgen
lofzangen op ter eerc van het II. Hart van
Jezus. Zoowel de li jnliescliaafde inwoner
onzer groote steden, als de hall\' wilde
Indiaan van Amerika eeren en aanbidden
dat Hart. Overal ter wereld verkondigen
prachtige kerken en hooge torens aan de
wereld de waarheid dezer voorspelling des
Hcercn: «Heersenen zal mijn Hart, ondanks
allen tegenstand." Kn wie zegt ons, waar
die overwinning des II. Harten eindigen
zal".\' Wie zegt ons, dat niet eenmaal,
en och, ol\' de tijd niet verre meer zij!
\\>Usr?
-ocr page 15-
m*
de gehecle wereld terugkeert tot liet jrelool
«Ier vaderen, en alle volkeren en talen VHI1
Kuropa, Azië, Amerika, Afrika en Austra-
lië samenstemmen tot één machtig loflied,
een loflied ter eere van \'t II. Mart des
Meeren "?
Talrijke hoeken en hoekjes werden ge-
schrevcn om deze devotie, haren aard,
haar voorwerp, hare voordeden, hare
licoefening duidelijk voor de geloovigcn
uiteen te zetten en zoo door meerdere
kennis der godsvrucht, ook meerdere liefde
ie verspreiden, liet waren vooral de leden
der doorluchtige Sociëteit van Jezus, die
het machtige zwaard van hun geschreven
en gesproken woord gebruikten, om deze
devotie in alle standen der maatschappij
eeneii weg te hanen en tegen aanvallen
te verdedigen. Zij oogstten daarvoor den
dank van alle weidenkenden en tevens de
hclooning, die de wereld niet kent ot\' niet
acht, nl. lijden en vervolging; maar ook
tegelijk den troost, het getal der vereer-
ders en navolgers van dat Allerheiligste
Hart ieder jaar te zien aangroeien. II.\'
eerste Vrijdag der maand , de Feestdag
"U1
oU<>->"
"?ëttó
-ocr page 16-
^m
van Ju-t Allcrli. Hart , de Eerherstellende
Communie, de Eerewacht, liet Apostolaat
des gebeds en nog andere oefeningen wor-
di\'ii steeds meer verspreid, en zelfs zijn
er ie Rome stappen gedaan om Z. II. den
Paus te bewegen het feest van het H. Hart
van Jezus te verheffen tot den hoogsten
ranjt der kerkelijke teesten. Wij kunnen
niet anders dun hopen , dat Z. II. goed-
fiimstig op dit verzoek moge beschikken.
Voorwaar, dit zon voor deze zoo heilzame
devotie een machtige stoot zijn, en een
vermeerdering van eer en lof voor \'t II.
Hart, aan hetwelk glorie en verheerlijking
in eeuwigheid toekomt !
bUo-a
"^333
-ocr page 17-
VERBONDEN AAX DK
Viering der Junimaand.
-----«•!------
Z. H. Paus Pius IX bij Decreet van
de H. Congregatie der Ariaten, 8 Mei
1873, vergunde aan alle geloovigen die
in de Junimaand , hetzij in \'t publiek of
in \'t bijzonder ten minste met een rouw-
moedig hart bijzondere gebeden ot\' god-
vruchtige akten van vereering ter eere van
het Allerh. Hart van Jezus verrichten :
Een Aflaat van 7 jaren eens per dag te
verdienen.
Een vollen Aflaat, op een dag naar ver-
kiezing in gemelde maand, mits men, na
waarlijk rouwmoedig te hebben gebiecht
en gecommuniceerd, eene kerk of openbare
bedeplaats bezoeke , en daar een tijdlang
met godsvrucht bidde volgens de meening
van Z. H.
-ocr page 18-
Eerste Dag.
Wat vereeren wij, als wij het
H. Hart
vereeren.\'
jtT§VAXXKEii de pelgrim , die de over-
/njiiËjgulijftclcn der Scrafijnsche II. Teresia
vereeren wil, de aloude kerk van
Allia de Tormez in Spanje binnentreedt
en vraagl naai\' de reliquieën der Heilige,
dan toont men hein eene kristallen vaas
in den vorm van een nienselielijk hart, en
in die vaas het hart der m
08822611
aagdelijke Te-
resia, omringd van doornen. Hij ziet de
wonde, welke een Serafijn niet gloeienden
schicht daarin maakte, en zoo het hem
toegelaten wordt, drukt de pelgrim zijne
lippen op het kristal , om zulk eene kost-
Imrc reliquie te vereeren\'i. - •
1) Boaix. \\ ii- de Sto. Ti\'rirse.
<^?
I«rs
-ocr page 19-
thp
KF.KSTK. 1IAG.                                   1:!
Een ander feit. - - Wanneer schilders
of beeldhouwers den II. Augustinus, dien
grooten liekccrling en Kerkleeraar, willen
voorstellen, Iteelden zij hem af, in zijne
rechterhand zijn hart dragende, dat vlain-
inen uitslaat. Waarom\'! Heeft dan de
II. Augustinus tijdens zijn leven ooit zijn
hart. in zijne hand gedragen? Of heeft
ooit op deze wereld zijn hart gebrand \'.\'
Neen, maar schilder* en Ijceldhouwkunst
geven daardoor te kennen , dat de liefde
des H. Augustinus bijzonder groot was, en
om die liefde aanschouwelijk voor te
stellen, kenden zij geen heter zinnebeeld
dan een hart , dat vlammen uitslaat.
In heide bovenstaande gevallen is er
sprake van een hart, maar met een zeer
groot onderscheid. Hij de 11. Teresia ziet
men haar eigen , natuurlijk , vleeschelijk
hart, dat tijdens haar leven in haar boe-
zem klopte en haar deed leven en hande-
leu voor God. Bij den II. Augustinus
echter ziet men niet een hart van vleesch,
zenuwen en bloed, maar ecu zinnebeeldig
hart, een hart, dat gesteld is in de plaats
der liefde en ons aan de liefde doet den-
-ocr page 20-
H                             EERSTE DAG.
ken. De liefde toch is iets onzichtbaars
en kim door (reen heitel ol\'penseel worden
weergegeveu.
Hit onderscheid uu heelt men ook hij du
verecring van \'t II. Iliirt niet uit het oog
te. verliezen. Beschouwt men dal II. Har!
gelijk liet was tijdens het sterfelijk leven
des lleeren , toen Het klopte in de
horst des Zaligmakers en in alles gelijk was
;i:m het hart der overige menschen. Be-
schouwt men het gelijk het nu nog, of-
schoon verheerlijkt, klopt en leeft in den
Hemel en in het II. Sacrament, — zeer
zeker dan verdient dut. Hart onze diepste
vereering en aanbidding; want het is niet
het Hart van een gewoon menseh, maar
het Hart van een mensen, die tegelijk God
is, dus een inderdaad goddelijk Hart. En
gelijk wij ons overgelukkig /.ouden geacht
hebben, zoo het ons gegeven ware geweest,
de aaubiddelijke voeten des Zaligmakers te
kussen, gelijk de Illl. Vrouwen, — of zijn
II. Aangezicht te mogen afdrogen , gelijk
Veronica, zoo ook mogen en moeten wij
dat II. Hart verecren en aanbidden in de
horst des Zaligmakers , als een deel , en
cxÉÖ
-ocr page 21-
m^----------------------fm
EEKSTE DAO.                              10       ë)
wel hi-t edelste doel van liet lichaam
des Heeren, waarvan de aanschouwing de
Engelen voor ecuwig gelukkig doet zijn.
Maar nog iets meer vereemi wij in het II.
Hart. De liefde namelijk; de liefde waar-
niedc de Zoon Gods ons bemind heeft tot
den dood , ja tot den dood des kruises;
de liefde, waarmede Hij ziel) aan ons gaf
in zijn II. Sacrament ; de liefde waarmede
Hij zich daar liever aan ontelbare lielee-
digingen wilde blootstellen tot aan het
einde der eeuwen toe, dan ons het bewijs
te onthouden , \'t welk ons toonen moet,
tot wat uiterste Hij ons bemint.
.Maar kunnen wij ons die liefde des Heeren
wel verbeelden ".\' Do uitwerkselen dier lief-
de ondervinden wij; maar hoedanig is die
liefde zelf\'? Och, wij stoffelijke menschep,
wij hebben in onze voorstellingen altijd
ook iets stoffelijks, iets zichtbaars noodig,
om, zooals de II. Kerk zingt, door het
zichtbare, tot het onzichtbare gebracht te
worden\'I. Hoe ons dan de liefde des Hee-
1) Praefatio de Xativ. : Ut duin visibiliter
])eum cognoscimni, per hum\' in invisibiliuni amo-
rem rapinmar.
J
-ocr page 22-
]fl                            EERSTE DAO.
ren voorgesteld\'.\' Gelijk de liefde des 11.
Augustinus, onder het zinnebeeld zijns Har-
ten. Zien wij d:it Hari , dun weten wij,
dat de Heer ons bemind heeft ; zien wij
dat Hart, dan aanschouwen wij als in
éénen oogopslag geheel die lange rij van
weldaden, waaruit zijn leven op aarde een-
maal bestond , en nog bestaat in het II.
Sacrament; zien wij dat Hart, dan weten
wij , waarom de Heer van koude wilde
schreien in de kribbe van Bethlehem,
waarom Hij zich vermoeide en uitputte
bij zijne Evangeliereizen, waarom Hij zich
bloot gaf aan den baat van Schriftgeleerden
en 1\'hariseërs, waarom Hij zich aan eene
kolom liet geeselen, aan een kruis liet
verheffen en doorsteken ; dat Hart zegt u
dit alles zonder woorden : omdat Hij ons
menschen beminde.
En welk eene liefde ! 0, \'t is eene liefde,
die alle tijden en plaatsen en personen
omvat en waarop wij de woorden der H.
Schrift volkomen kunnen toepassen: zij is
onmetelijk als de zee.
En wie overziet de
lengte, wie meet de breedte, wie peilt de
diepte der zee ? Toen de 11. 1\'aulus de
ttXJc/^
cxSJo
-ocr page 23-
»- .__________________________________________________eXS
m.
EERSTE l>A<i.                                  17
liefde beschreef, die de Christenen van
Corinthe moesten hebben, toen hij verkon-
digde: de liefde is geduldig, de liefde is
rechtzinnig, de liefde is niet naijverig, /.ij
praalt niet, zij is niet opgeblazen, zij is
niet eerzuchtig, /.ij zoekt het hare niet,
zij verbittert niet, zij rekent het k\\vudu
niet toe, zij verblijdt zich niet over de
ongerechtigheid, maar verblijdt zich niet
de waarheid ; zij verdraagt alles, gelooft
alles, hoopt alles, verduurt alles, wiens
liefde zweefde toen als een toonbeeld voor
zijnen geest ? De liefde van Hem, van
Wien Paulus ook zegde : weest mijne na-
volgers , gelijk ik het ben van Christus1).
Welnu, die liefde, die vlam, dien gloed
vereeren wij, als wij het II. Hart van
Jezus vereeren. o Waardig Voorwerp
onzer godsvrucht ! Wat zullen wij be-
minnen, zoo wij dat Hart niet beminnen,
dat ons aan zooveel liefde doet denken\'?
Als een zoon het portret vereert, dat .
hem aan zijn overleden vader herinnert, —
als eene bruid den ring bewaart, die haar
1) 1 (\'or. V.
b-Uf/^
-ocr page 24-
4^----------------------------------££
18                                  F.KBSTF. DAG.
reu ver verwijderden bruidegom in het
geheugen terugroept, — als eene dochter
de haarlokken ecner diepbetreurde moeder
op bet hart draagt, — waarom zonden
wij dan I\' niet vereeren, o Goddelijk
Hart, dat voor ons meer zijt dan een
kostbare ring, meer dan alle rijkdommen
des hemels en der aarde! liij zijt een
goddelijke Schat, bet zinnebeeld , de ge-
dachtenis eener liefde, die niet grooter zijn
kon! Ontvang dan onze hulde en aan-
bidding, tegelijk met de hulde en aan-
bidding, die de Engelen en- Heiligen l de
geheele eeuwigheid dooi\' zullen brengen!
Voornemens.
1° Dikwijls door den dasr herhalen : Bemind
zij overal het H. Hart van Jezus. (100 dagen
Aflaat eens per dag, 23 Sept. 1860.)
2° Het H. Hart bedanken voor de liefde,
die Het ons betoond heeft en nog voortdurend
betoont.
3° Een goed voornemen maken , om gedu-
rende geheel deze maand de zonde, zooveel onze
zwakheid toelaat, te vermijden.
-ocr page 25-
cfl
V3__________________________________________r.\'>n\'
KKBSTE DAG.                              llt
VOORBEELD. (1)
r.ri-ati\' twrxrh\'ijiii-ity van Jrz/\'s\' II. Jlart ""<> t/f
gehtkeUige Margartta Mmia dlacoqur.
De gelukzalige Margareta Maria verhaalt zelve
aldus: Eens lag ik voor het H. Sacrament Deer-
geknield ; ik gevoelde mij geheel doordrongen van
de goddelijke tegenwoordigheid, en wel zoozeer.
dat ik mij zelve en de plaats, waar ik was, geheel
vergat; ik ga!\' mijn hart geheel over aan de
werking van Jezus\' liefde. Onze Heer deed mij
langen lijd rusten op zijne borst en ontdekte mij
alstoen do wonderen van zijne liefde en de onuit*
legbare geheimen van zijn H. Hart , welke Hij
voor mij tot dan toe verborgen had gehouden.
Hij sprak : .. Mijn iroddelijk Hart is zoozeer ver-
,. voerd van liefdo voor de menseben . dat het de
,. vlrminen van zijne liefde niet meer kan inhou-
,. den en dezelve door uwc tussehenkomst wil
,. verspreiden. Het heeft behoefte, zich aan de
.. meusehen te openbaren , ten einde hen te vcr-
.. rijken met zijne schatten , die Ik thans aau u
,. bekend maak : zij bevatten alle genaden van
..zaligheid, welke noodig zijn, om hen uit den
,. afgrond van verderf te trekken. En u, die een
,. afgrond zijt van onwaardigheid en onwetendheid,
,, heb ik uitgekozen tot verwezenlijking van dit
1; Vie et Oeuvrea de la B. Marg. Marie, vol.
II. pag. 379. (efr. vol. I. 105. I\'ublieation du
monastère de Parar-lc-Monial.)
m_______.____________P
-ocr page 26-
"%
____________
20                             EERSTE DAÜ.
„ groot e plan; muur alles zul door Mij gedaan
., worden.\'" Daarna vroeg Hij mij mijn hart. Ik
smeekte Hem, het zelf te nemen. Hij deed zulks
en plaatste het i» zijn iiaubiddelijk Hart, waarin
Hij het mij liet zien als een klein stofje, hetwelk
verteerd werd in dat brandend fornuis. Hij nam
het er uit als een vurige vlam iu den vorm van
een hart en stelde het weder o» tic plaats, waar-
uit Hij het genomen had , terwijl Hij zcide :
..Ziedaar, niijnr Welbeminde, een kostbaaromler-
.. pand van mijne liefde. . . . Eu tot teekeu , dat
„de groote gunst, die Ik u bewezen heb, niet
,, een spel is der verbeelding, en dat zij de
..grondslag is van al de gunsten, die Ik u nog
„zal betooncn . zal u de smart, hoewel Ik df
„wonde in uwe zijde gesloten hel), er altijd van
„bijblijven.\' En inderdaad, zoo gebeurde het.
GEBED
foor een beeld eau \'t II. Hart.
Ik X, X... om \\ mijne erkentelijkheid te
toouen en al mijne ougetrouwhedeii te hersteller.,
schenk U mijn hart en wijd mij geheel aan 1
toe. o mijn beminnelijke Jezus: en met uwc
hulp neem ik mij voor niet meer te zondigen.
< All. 100 dag. eens pelting: Pins VII. 9.Tuni 1807.)
iT-l                                                                                                               *
-ocr page 27-
Tweede Dag.
Waarom rereeren wij liet H. Hart! (*)
ii.s weleer de Egyptenaar zijne
velden overstroomd zag met het
vruchtbare water des Nijls, dan
blikte hij dankbaar op naar de bronnen
van dien stroom , die zooveel zegen over
Egypte verspreidde, en die bronnen werden
hem een voorwerp van afgodische, vereering.
Arme heidenen , zij klommen niet op tot
de hoogste llron van allen zegen, die God
is.
(*) Het kun onze meening niet ziju , hier o]i
«enigerlei wijze eene vraag te beslissen, welke de
geleerden verdeelt, nl.: Is het hart des menseheu
(en dus ook Jezus\' H. Hart) de zetelplaats, het
werktuig der liefde, en is het hart het beginsel
<>t\' medebeginoel onzer handelingen \'r Vau weeis-
l
-^as
oLfo=
-ocr page 28-
op(.-                                                                       "jno
c_j-------------------------------------------------------.—J--J
TWREUE DAG.
Daar is een andere vruchtbare stroom.
die niet slechts één land liesprocit met
t ijdel ij ken zegen , maar geheel de wereld
overstroomt met geestelijke minsten, \'t Is
de stroom der weldaden van Jezus l\'.liris-
tus. Zie, geheel de wereld geniet van
dien zegen , die. ons door liet Yerlossiugs-
werk , door de II. Kerk, door de HU
Sacramenten, door de Allerheiligste Maagd
.Maria geworden is. Zullen ook wij niet
dankbaar opzien tot de brwi van al die
gunsten\'.\'
Maar waar die bron te vinden".\' Chris*
ten , zie op tot het //. Hart run Jezus;
daar is de bron, waaraan al die weldaden
als een lireede stroom ontvloeiden , om
zijden wordt niet te versmaden gezag aangehaald.
I* er dus hier >>ï in het vervolg van ilit werkje
sprake vnn de zetelplaats, net werktuig der liefde
enz.. uien versta dit dan zoo, dat het hart het
eerst en het incest den weerslag aller aandoeningen
der zirl gevoelt . iets wat allen toegeven. Wij
meenden deze verklaring aan den meer ontwik-
keiden lezer verschuldigd te zijn , hem voor het
overige naiir werken van wetenschappelijke!! aard
verwijzende.
fel
cxyJu>
-ocr page 29-
TWEEDE DAG.                                 23
\' !                                                                            ^
«geheel du wereld te overdekken. Met dal
Hart heeft Hij ons Ix-miiul; zijne liefde
schonk ons al die gunsten, waarmede
iedere voetstap in zijn leven geteekend
was; waar wij eene gave zien, waarin
zijne liefde bijzonder uitschijnt, daar mogen
wij leggen: dit is eene gave zijns Harten.
In het hart des menseben, zegt de II.
Franciseus van Sales1), zetelt de liefde
als eene koningin ; dat hart heeft vele lje-
wcgingen , maar de liefde beheerscht die
alle. Vandaar dan ook , dat " zijn hart
schenken" hetzelfde hcteekent als: zijne
liefde schenken, en als God zelf in de II.
Schrift onze liefde vraagt, dan doet Hij het
met deze woorden: i Mijn kind, geef Mij
••uw kart." Inderdaad, wat haten ons alle
giften en geschenken , zoo zij niet voort-
komen uit het hart, d. i. uit oprechte
liefde en toegenegenheid ? Wat haten ons
vriendelijke woorden en plichtplegingen,
zoo wij niet weten, dat zij van harte
gemeend zijn 1 Welnu, wanneer Jezus
Christus ons geschenken geeft, die alle
inenschelij ke gaven verre overtreffen, is het
1) Dircction Spir. Chanmont torn. 1.
-ocr page 30-
il                                 TWEEDE l>A<i.
(hm mogelijk, dat zijn Hart daar niet bij;
/.du zijn\'.\' Zijn Hart en zijne liefde zijn
één ; waar zijne liefde uitschijnt , daar is
zijn Hart het werktuig, het kanaal, de
bron geweest.
Dat II. Hart is, om eene aanschouwc-
lijke vergelijking te gebruiken, als het
jaehtwiel eener groote niaehine. Zulk eene.
niaehine bestaat uit honderden radertjes,
die alle worden in beweging gebracht en
gehouden door een groot rad , het jacht-
wiel genaamd. Hit wordt op zijne beurt
in beweging gezet door den stoom, en zoo
gaat allo beweging rechtstreeks uit van
het jaehtwiel, bewogen door den stoom.
Het H. Hart moge het hedendaagsche dezer
vergelijking vergeven, maar Het gelijkt
eenigszins aan zulk een jaehtwiel. Zijne lief-
de, aan den stoom gelijk , deelt bet eerst
en het meest bare werkingen mede aan
zijn Hart; dit geraakt in beweging en
deelt zijne eigene beweging mede aan de
tallooze radertjes , waaruit zijn nienschelijk
Lichaam zoo kunstig was samengesteld,
.la , dat il. Hart bewoog \'s Heeren voeten,.
ils zij zich voor ons heil voortspoedden.
~.\'Üó
-ocr page 31-
38
TWEEDE n AC.
over de liergcn en vinkten van Judea;
Het bewoog zijne heilige handen , als /ij
/.ieh zegenend en genezend uitstrekten over
zieken en kinderen ; Het bewoog zijne
lippen, ;ds zij de stroomen zijner vertroosting
en onderrichting zoo mild deden vloeien.
Dat Hart was van \'s Heeren Lichaam
het eerste deel, hetwelk leefde, zooals
reeds de oude wijsgeeren van ieileren
mensch leerden\'); het hart ook leeft in
den mensch het langste, en houdt het hart
op te kloppen , dan staat geheel de \\ver-
king van het lichaam stil. Kort dus nadat
de Engel aan Maria de Mensch wording van
Gods Zoon had aangekondigd, klopte reeds
«lat H. Hart, en toen aan\'t kruis de uiterste
deelen van \'s Heeren Lichaam reeds koud
en levenloos werden, toen klopte, ofschoon
verzwakt, nog altijd zijn II. Hart uit liefde
tot ons. Welnu, al die handelingen van
Jezus, welke liggen tusschen die allereerste
klopping in Maria\'s schoot, tot aan die
laatste klopping aan het kruis, wij danken
11 Aristotcles. de Geuer. anini. 1. II. t.
IMiuiu» ]. IV. cap. 37.
-ocr page 32-
Zn                                 TWEKDE DAO.
ze alle aan zijn II. Hart: dat Hart be-
minde ons, en alles wat Uut verrichtte .
of het lichaam deed verrichten, dat deed
Het uit liefde tot ons.
Zonden wij dan dat II. Hart niet ver-
eeren en aanbidden als de zegenrijke Bron
van zooveel goeds"? Wij ecren de kribbe,
waarop het goddelijk kind te Bethlehein
neerlag: veel meer dus moeten wij dat
Hart vereeren, waarop zijne liefde zetelde
als op een troon. Wij eeren Maria, omdat
uit haar is opgegaan de Zon van Gercch-
tigheid: omdat op haar stam de Bloem
van Jesse , Jezus Christus, is ontloken ;
omdat uit haar en door haar die stroomen
van genaden gevloeid zijn , die de wereld
heblien gered ; omdat zij de zetel geweest
is der Eeuwige Wijsheid. Veel meer reden
hebben wij dan , om het H. Hart te vcr-
eeren, omdat daar de liefde des Hccren
zetelde. Daar werkte zij, daar verwarmde
03
en verlichte zij als eene zon allen mensen,
die in deze wereld komt: daar gloeit zij
nog als eene vlam; daar is het brandpunt
van dat vuur, hetwelk de gehcele wereld
moet ontvonken van liefde tot God.
-ocr page 33-
TWKEDE DAO.                                 27
>< Outvang dan onze hulde, o ouuitspre-
» kflijk Hart, o allerwaardigste zetelplaats
• der eeuwige, ongeschapen liefde\')!"
Voornemens.
1" Aan de liefde onzes hinten dikwijls nieuw
voedsel geven door dit sehietgebed te herhalen :
,. Zoet Hart van Jezus. maak dat ik T" immer
meer en meer heuiinne." f3110 dazen atlaat tel-
kens. 2Ü Xov. 1870.1
2° Alles vermijden wat die liefde /.on kunnen
verflauwen of uitdooven.
VOORBEKLD. (31
Tweede eerxehijuinif van Jezus\' II. Hart aan
f/t\' Zaliije Maeoaeefa Vit.) ia.
Dat H. Hart . zoo zegt de Gelukzalige zelve ,
werd mij vertoond als eeue zon , schitterend van
lieht ; hare vurige stralen schoten reeht op mijn
hart neer. Dit voelde, zieh terstond oulgloeid
door een vuur zoo hevig, dat het mij voorkwam,
als werd het tot aseh verteerd. Bijzonder in die
oogenblikkcu onderrichtte mijn Goddelijke Meester
mij in hetgeen Hij van mij wilde, en openbaarde
Hij mij de geheimen van dal aauhiddelijk Hart.
Eenmaal, onder andere , was het H. Sacrament
1) Kxcrcitiuui approbatuni a Judiee Romano.
•2) Op. eit. vol. II. ]iag. 88] seq.
-ocr page 34-
:>*>                                        TWEEDE l>A<;-
uitgesteld ; ik was geheel in mij zelve gekeerd :
toen verscheen mij Jezus Christus, mijn zoete
Meester, geheel schitterend van glorie : Hij droeg
de vijf woiidtcekencn als vijf stralende zonnen ;
van ulle kanten sloegen de vlammen uit zijn H.
Lichaam, maar vooral uit zijn aanbiddclijke borst,
die aan een vuuroven geleek* Zijn boezem ontdek-
kende, toonde Hij mij zijn geheel beminnend en
beminnelijk Hart , dat de levende Bron was van
al die vlammen. Toen ontdekte Hij mij, tot welk
uiterste Hij zieh had laten vervoeren in zijne
liefde tot de ïncnschen ; toeh ontving Hij van hen
nii\'ts dan ondankbaarheid en miskenning. ..en
,, dit is ," legde Hij, „nog smartelijker dan al het-
,, geen Ik in mijn lijden heb onderstaan. Als zij
„maar eenige wederliefde bewezen, dan zou Ik
,, al wat Ik voor hen gedaan heb, als uicts aeh-
„ ten en, zoo mogelijk , zou Ik nog meer willen
„ doen ; maar tegenover mijne ijverige pogingen ,
„ om hun goed te doen , betooneu zij niets dan
„ koelheid en terughouding : maar gij ten minste,
,, doe mij het genoegen van zooveel gij kunt hun-
„ nc ondankbaarheid te herstellen." En toen ik
mijne onmacht betuigde , antwoordde Hij : „ Zie-
,, daar. waardoor gij kunt aanvullen, wat u ont-
„ breekt." Tegelijkertijd opende zieh zijn godde-
lijk Hart ; cu er school zulk cene vurige vlam
uit, dat ik dacht er door verteerd te worden.
Ik bad Hem , medelijden te hebben met mijne
zwakheid. „ Ik zal uwe kracht zijn," sprak Hij,
-ocr page 35-
TWEEDE l>u;.                            2\'J
„ vrees niet...." Hij gaf haal nu onderscheidene
hevelen en voorspelde haur vele smarten , maar
voegde er bij : „Doe niets zonder de goedkeuring
„ dergenen , die u geleiden , opdat, wanneer het
„ gezag der gehoorzaamheid met u is . de Satan
„ u niet kunne bedriegen; want hij heelt geen
,. vermogen op de gehoorzame zielen.\'\'
GEBED.
o Goddelijk Hart van Jezus , o Bron van zoo-
veel weldaden, stort in ons hart de vurigste
wederliefde, opdat wij 1 hier en hiernamaals de
dankbaarheid betonnen , waarop uwe weldaden 1\'
recht geven.
Heilig Hart mijns Vaders , bestier mij.
Heilig Bart mijns Konings , bezit mij.
Heilig Hart mijns Meesters, onderricht mij.
Heilig Hart mijns Geleiders, wijs mij den weg.
Heilig Hart mijns Geneesheer*, genees mij.
Heilig Hart mijns Rechters, vergeet\' mij.
Heilig Hart mijns Verlossers, red mij.
Heilig Hart van mijnen God , wees ganseh aan
mij, en ik ganseh aau U,
v                                                                                                   e
-ocr page 36-
»
Derde Dag.
Wal voordeel geeft ons de vereerinjr
van Jezus\' H. Hart.\'
mogen wij ons de vraag
(stellen : welk voordeel brengt mij
de devotie \\o\\ Jezus" II. Hart\'.\'
Voorzeker, dut het II. Hart een goddelijk
Hart is , aanbeden door Engelen en Sera-
lijnen , dat Het een zinnebeeld, de z-etel-
plnnls
, en liet irerkluiji is der Goddelijke
liefde, moest meer dan genoeg zijn , om
ons tot die vereering te brengen ; maar
lio;; zijn wij mensehen \'.\' Wij zijn gewoon
de waarde der zaken te lieoordeelen naar
het. voordeel, dat zij ons aanbrengen, en
eene devotie, die slechts eer zou geven
aan (ïod, zonder ook aan ons, mensehen,
voordoelig te zijn, helaas, zou slechts door
•ffi
oU\'
-ocr page 37-
sa
-------------------------------------------------"—J-h
DEEDE DAG.                                   31
weinige uitverkoren zielen beoefend worden.
Wij vergeien , dut ook ten opzichte van
(iod zelf het woord des Meeren waar hl ij ft :
* \'t Is heter te geven dan te ontvangen ,"
(1. i. \'t is beter Gode lof te geven, dan zijne
weldaden te ontvangen. Nu wij menseden
eenmaal zoo zijn , is nu niet die devotie
de l>este , welke aan God de grootste eer
en aan ons het meeste geestelijk voordeel
bezorgt\'.\' Kene dier devotiën is de uods-
vrueht tot het H. Hart van Jezus, ja zelfs,
eene der voornaamste.
Konden wij bet eens zien wat zegenrijke
vruchten zij reeds in de zielen , die haar
Inoefenden , heeft voortgebracht ; konden
die vruchten eens getoond worden aan
allen , die nog aarzelen deze devotie aan
te nemen, —- dan zou weldra ieder Ghris-
ten een vereerder zijn van het H. Hart,
gelijk thans ieder Katholiek een vereerder
is van Maria.
Doch geven wij hier het woord aan
iemand, die het goddelijk Hart in zijn
luister aanschouwde en door Jezus Christus
zelf met de verspreiding dier devotie he-
last werd : « Ik weet niet", zegt de zalige
O U.
c>„
-ocr page 38-
________________________\'6f)?
S:J                                   DK1MIK DM1.
Margareta Mam Alacoque, • of er ééne
• godsvrucht bestaat) die beter geschikt is,
»om in weinig tijds eene zie] tot de
» hoogste heiligheid op te voeren en om
» haar de ware vreugde te doen smaken,
» die aan den dienst van (lod verlwnden
» is. Ja, ik /.eg het met nadruk: als
» men wist, hoe aangenaam deze gods-
» vrucht aan Jezus Christus is, dan zou
•  er geen Christen zijn , die ze niet vol-
» ijverig beoefende. De aan God toegewijde
» personen zullen er een onfeilbaar middel
» iu vinden, om hunne vurigheid te be-
•  houden, te vermeerderen of terug te
i\' bekomen, lte personen, die in de wereld
•  leven , zullen er al de genaden vinden ,
» die zij in hunnen staat noodig hebben :
» den vrede in hunne huisgezinnen,
•  hulp in hunne werken en den zegen des
•  hemels in al hunne ondernemingen. In
» dat Hart zullen zij een toevlucht vinden
» gedurende hun leven , maar bovenal in
» het uur des doods. 0, wat is het zoet
» te sterven, wanneer men eene standvas-
» tige godsvrucht gehad heeft tot het Hart
» van Hein , die ons oordeelen moet!"
-ocr page 39-
tj3
DERDE DAG.
Eeuwen reeds vóór deze dienares Gods
had het de H. Petrus Üamianus gezegd•:
« In dat Hart vinden wij wapenen , om
» ons te verdedigen, geneesmiddelen voor
» onze kwalen, machtige hulp tegen de
.» bekoring, «Ie zoetste vertroosting in onze
»droefheid en de zuiverste vreugde in
« dit dal van tranen. Zijt ;;ij bedroefd\'!
» Of kwelt u de gedachte aan uwe zonden?
« Is uw hart bewogen door hevige driften f
• 0, werp u in het Hart, van Jezus; \'t is
»ecu veilige schuilplaats, de toevlucht
« der ongelukkigcn en de veiligheid van
ü alle Christenen!" - Wat kunnen wij
»iog meer verlangen\'.\' En welke gods-
vrueht ter wereld zal ons meer kunnen
geven ?
liet streven van iederen christen moet
zijn: steeds meeren meer denaanbiddelijken
Persoon van Jezus Christus te leeren be-
i ai ruien en te vertrouwen op Kiens goed-
ticid. Maar zal er iets beters in staat, zijn
om die liefde en dat vertrouwen te ver-
meerderen , dan de godsvrucht tot dat
van liefde brandend Hart ? « (\'it liefde
heeft Hij zijne zijde geopend , zegt de
fc
^5Öo
-ocr page 40-
34                                   i)i:u»K i>ai:.
II. ISonavcntura, om u zijn Hart te geven\'i ;*"
en l\'ius ]\\ z. g. zegt van deze godsvrucht:
•  Wie zou zoo ijzerhard en versteeuü kun-
" nen zijn, dat hij niet hewogeu wordt om
•  wederliefde te l>etuigen aan dal Hart,
» \'t welk slechts doorstoken en doorwond is,
» om aan onze ziel een zekere schuilplaats
"en toevlucht te vcrschall\'en , waar zij
» zich voor de aanvallen en hinderlagen
f der vijanden beveiligen kan?"*)
Ken groot, welsprekend Bisschop onzer
dagen zegt: Wilt gij sterkte in uwe
moeilijkheden en strijden".\' Gaat tot het
Hart van Jezus; Hij zal u sterkte geven.
Hij heelt den kelk des lijdens gedronken ,
gedronken tot den bodem; de ondervinding
onzer smarten heeft Hein geleerd, ze te
verzachten. Verlangt gij vertroosting en
godsvrucht1? Gaat tot het Hart van Jezus.
Welke vertroosting, meent ge, zult gij
daar vinden\'? 0, ik kan het u niet met
woorden beschrijven, maar neemt er zelf
de proef van en gij zult het ondervinden ;
of als gij nog twijfelt , gelooft dan de
1) S. Jtonnv. Stiin. iimor. p, I. e. 1,
i) l\'ius IX. In Hrevi Beatif. Ven. Mare.Mar.
Ie,.
-ocr page 41-
IP
DERDE DAO.                                33
Heiligen, gelooft hunne woorden vol geest-
drift en verrukking, waarbij de taal der
menschelijke geestdrift vcrstomi : «.Wen,\'
zoo roept de II. Ronaventura o. a. uil ,
p\' neen , ik wil niet van Jezus gescheiden
«worden; want hel is mij goed bij Hem te
»zijn; en in Hem wil ik drie tenten bou-
•  wen : eeue in zijne handen, eene in zijne
» voeten, maar de zoetste en altijddurende
•  in zijne zijde. Haar zal ik tol zijn Harl
» spreken , en al wat ik verlang, zal ik
> verkrijgen. i> Rcminucnswaardigc wondt!
• mijns Verlossers! o Wonde, die de
» harten treft en Ze doet overvloeien van
"liefde! n Zalige lans, die waardig waart,
» dien schat der goddelijke Wijsheid te
I » openen en deze bron der genade, deze
» fontein, waaruit, de levende wateren der
, • eeuwige liefde voortkomen, te doen \\loei-
>• en! 0, was ik in de plaats der lans
» geweest, neen , ik zou niet meer uit de
• zijde des llceren hebben willen uitgaan,
» maar ik zou gezegd hebben: hier is
» mijne rust, voor eeuwig, hier wil ik
» wonen, want deze plaats heb ik uitge-
\'• kozen!" Zoekt gij een schild tegen de
otjcTÖ"
- gQ o
-ocr page 42-
----------------------------zm
80                             ni;K»v: DAO.
gerechtigheid (iods? Vlucht in het llarl
van .Ic/iis; daar is plaats voor allen, voor
zondaren en rechtvaardigen. Verlangt jrij
een toevluchtsoord tc^en de verschrikkingen
des doods? Wel is het vrecsclijk te vallen
in de handen van den levenden God, maar
zoet is het, den geest te geven in het Hart
van Jezus; o, dan is het waar, dat de
dood maar een slaap is, en men is zeker
in den Hemel te ontwaken ; want de gansene
Hemel rust in het II. Hart van Jezus1).
« o H. Hart van Jezus, o Bron der hoog-
•> ste liefde," zoo roept de II. Franciscus
van Sales uit , « wie kan I\' ooit genoeg-
- zaam zegenen? Wie V ooit genoegzame
kliefde voor liefde geven? (lij zij t de Bron
» van alle genaden. Met de nagelen zijn
• wij geschreven in Jezus\' handen, maar met
.\' di\' lans in zijn Hart."
De ondervinding komt deze uitspraken
ten volle bevestigen. Waar men deze gods-
vrocht kent , daar plukt men er de ge-
zegende vruchten van , en \'t is dan ook
niet zonder eene blijkbare voldoening des
harten, dat de gmote 1\'ius IX voor geheel
1) Kardinaal Oirand. Serm. sur Ie S. 0.
Ê.                                                                                 
-ocr page 43-
IIKIIDK UAO.                                  \'il
de wereld getuigt: « LWe godsvrucht is
» met groot voordeel voor de zielen in de
» kerk vermeerderd en verbreid \'I." All;i-
ten en gunsten werden er in groote menigte
aan verbonden ; en de hardnekkige bestrij-
ding, die zij ondervond van ongcloovigen
en ketters, zegt meer nog dan de grootste
lofprijzingen, hoezeer de duivelen haar
haten en hoe groot voordeel /.ij nan de
zielen aanbrengt.
"Voornemens.
]" Het H. Hart bidden om eeur ware gods-
vracht rn vurige liefde.
i° Kinnen den kring onzer omgeving Je
godsvrucht tot Jezus\' tf. Hait bevorderoo en ver-
spreiden.
3° Ken beeld van \'t H. Hart versieren ui\'
rereeren,
VOORBEELD ii).
Dfi-fff oei\'schijmiig.
„Op den feestdag van St. Jan Evangelist, zoo
schrijft de talige Margareta .Maria, werd het
Goddelijk Hart mij vertoond all op een troon
van vuur en vlammen , van alle kanten stralen
1) In lirevi beattne. beat. Mar:;. Mar.
8) Op. eit. vol. 11. pag. 834 seq. Lettre 126.
-ocr page 44-
°cff
^ffi
38
IIKIIHK DAG.
uitschietend , schitterender dan de zou , en door-
schijnend als kristal. De «ronde, die Het opliet
kniis ontving, «as er duidelijk zichtbaar. Keu
kroon van doornen omringde dat II. Hart en een
kruis stond er boven op. De werktuigen van zijn
lijden beteekenden. dat zijne onmetelijke liefde
voor de iiienselien de oorzaak van al het lijden
en van al de vernederingen was, die Hij voor ons
heeft willen lijden ; dat van het eerste oogeublik
zijner Mensehwordiug af al die pijnigingen en \\er-
suindingeu voor zijnen geest hadden gestaan , en
dat in dit eerste oogenblik, het kruis als \'t wan-
in zijn Hart geplant werd : om ons zijne liefde
te hetoonen, aanvaardde Hij van toen af al die
veruederiuïeu , die armoede , die smarten, welke
zijne II. Mensehheid gedurende geheel zijn levens-
loop moest lijden , eu de versmadingen, waaraan
do liefde Hem tot aan het einde der eeuwen zou
blootstellen in het Allerh. Sacrament des Altaars.—
Vervolgens deed Hi; mij verstaan, dat zijn vurig
verlangen , om van de ïuensehen volinaaktelijk
bemind te worden, Hein had doen besluiten hun
zijn Hart te openbaren, hun al de schatten Ie
openen, die Het bevat, schatten van liefde, van
barmhartigheid, van genade, van heiligmaking eu
zaligheid. Hij verzekerde mij, dat Hij er een
bijzonder genoegen in stelde vereerd te worden
onder de afbeelding van dit lichamelijk Hart :
Hij wilde, dat deze afbeelding iu \'t openbaar
werd ten toon gesteld . om , zoo zeidc Hij , het
itjo
oxJ5->
-ocr page 45-
i".
1IKKIIK l>A*i.
ongevoelig hart der niensehen daardoor ti treffen.
De Verlosser beloofde mij, in overvloed de gaven,
waarmede Het vervuld is . over te zullen storten
in het hart van hen . die Het vereeren . ril dat
overal, waar dit beeld is uitgesteld de rijkste ze-
geningen /ouden nederdalen. — Kindelijk zeide Hij
mij, dat deze devotie een laatste poging was zijner
liefde, waardoor Hij de Christenen in deze laatst.\'
eeuwen wilde begunstigen. . . ."
GEBED.
o Heer Jezus Christus, mijn gekruisigde Mees-
ter, Zomi der Allerh. Maagd Maria, open Uw
Hart, ontvang het mijne en verhoor mij in al dat-
gene , wat ik van I* vraag . indien dit het wel-
behugeu is van uwen allerhciligsten Wil. — o
llaii van Jezus , in den Hemel aanbeden , op de
aarde aangeroepen , in de hel gevreesd , heerseh
over alle harten, heerseh in alle eeuwen, heerseh
door de gratie , heerseh voor altijd in de glorie.
Amen.
»
6ܫys~
-ocr page 46-
no
Vierde Dag.
Wat lieftto het H. Hart ons betoonde in
het Verlossingswerk.
aufeORT na d<\' schepping der wereld ,
\'W^Kzwierf o]> aarde een man rond, die
in alles wat hij hoorde en zag de
wraak van God meende te 1 K-speuren;
79
het ritselen van ren boomblad , het geloei
van den wind, hel gezicht zijner mede-
mensehen, alles deed hein vreezen, \'t Was
Caïo, de broedermoordcr. — Gelijk Caïn in
alles de wraak Gods, zoo moeten wij in
alles de liefde Gods zien , niet alleen de
liefde, waarmede God ons het aanzijn gaf
en ons schiep, maar ook de liefde, waar-
mede Hij ons van den eeuwigen dood ver-
loste , toen wij in de slavernij des duivels.
gevallen waren. 0 hoe ongelukkig was
toen toeh \'smenschen toestand! De zondige
btfe
-ocr page 47-
41
VIEIDE IIA8.
meiisch was onbekwaam , <>in zich zelven
te redden; de vriendschap met God was
verbroken, - dezelve herwinnen kon hij
niet; slaaf des duivels was hij, die sla ven-
ketenen verbreken kon hij evenmin als zich
/.elven vrijkoopen; de erfenis des Hemels
was verloren, die terugwinnen was hein
onmogelijk ; de hel stond open, — een
middel om ze te sluiten had hij niet; (lods
vloek rustte op des mensehen hoofd ,
en de menseh was niet hij machte dien
vloek weg te nemen, veel minder hein in
zegen te veranderen, o. Ongelukkige menseh,
hoe zult gij zalig worden\'.\'.... En hel
Woord is vlecsch geworden m Hel heeft
<mder wis gewoond1)\',
— Hij beminde ons,
en met zijn eigen bloed heeft Hij ons van
onze zonden gezuiverd2): ziedaar het ant-
woord. God werd menseh, .lezus Christus
voldeed voor onze zonden; wat \\v\\j niet
konden, dat deed zijne almachtige liefde ;
de vriendschap Gods werd hersteld , de
slavernij des duivels vernietigd, de erfenis
«les Hemels teruggegeven, «Ie hel gesloten
1)    .luis 1. 14.
2)    Vgl. Gal. tr. 20.
rS
sa
-ocr page 48-
ïï
%
12
VIERDE DAG
en <li\' vloek, die n|) den incnsch rustte, in
zegen veranderd. Hoe deed Hij/niks".\'...
Hoor, daar zucht een Kind, in een kouden,
open stal: eene arme maagd en een hand-
werksimin zitten naast hetzelve; het Kind
lieeft van koude, weent van droefheid,
spreekt geen woord , strekt zijne inachte-
loozc handjes uit.... H;it, kind zal dit
alles U-werken en is er in zijn armen stal
reeds mede bezig. De II. Kerk vraagt in
hare lofzangen aan haren Goddelijkcn l!nii-
degom, die niemand anders is dan dit Kind :
• Moe hebt (lij l vol goedheid laten bewegen,
i> om onze zonden op I te nemen, onschuldig
» voor ons den «lood te ondergaan, om ons
» van den dood te verlossen *.\'" Als wij
diezelfde vraag aan het Kind in de Kriblie
gedaan hadden, dan had Het met zijn
teeder handje ons op zijne borst kunnen
wijzen en ons zeggen: .l/c/ eene eeuwige
liefde heb Ik u bemind;
hier klopt een
Hart dat de menschen bemint, dat bereid
is alles voor hen te doen; één druppel
van mijn Bloed zou voldoende zijn, om
geheel de wereld van alk\' zonden schoon
te wasschen, één zucht mijner horst, één
f\'4
o U <-j->
-ocr page 49-
VtEBDE IIAO.                                   l\'i
gebed mijner lippen waren meer dun toe-
ivikeiul ; maar dit Hart wil i.....sr dan ver-
lossen , liet wil ook zijne liefde tonnen:
daarvoor liji Ik hier als een zwak en hnl-
pel(H>s Kind ; daarvoor heb Ik hij mijne
intrede in de wereld tot den Vader gezegd:
" Slachtoffer!* en offeranden wildet Hij niet.
» maar een lichaam hebt Gij Mij toebereid:
>• brandoffers voor de zonden behaagden I
>• niet. Toen sprak Ik : zie Ik kom.. . .
«om uwen wil te doen, ofiod\'i!" - Maar,
o, wat kwam Hem die aanbieding, die
liefde duur te staan!. Daarvoor wilde dat
Kind steels«rewijze op de armen zijner be-
angstigde .Moeder worden weggevoerd in
ballingschap, om te ontkomen aan liet
zwaard van een ufgunstigen koning. Moor
die liefde gedreven, wilde Hij, de Erf-
genaam van Itavids troon* en schepter,
werken aan de sehaafliank van Jozef eu
in het zweet zijns aansehijns een kariji
stuk brood, zijnwerkmansloon, verdienen!
Door die liefde aangezet, wilde Hij ach
onttrekken aan de liefdevolle zorgen ecner
teedere Moeder, wilde Hij, de deliieder
\'1) I\'s. :!\'.», 7. — »; Hebr. \\. •"> — 7.
-ocr page 50-
--m
M
VIKKIll\'. DA«.
der wereld , leven van aalmoezen op zijne
reizen, en, wat vogelen en andere diereu
niet missen, dat wilde Hij nog derven:
een vaste woonplaats, een stam om zijn
vermoeid hoofd ter ruste neer te leggen !
Ziet Hem Palestina\'s valleien en vlakten
doorkruisen , overal het zaad van \'t God-
delijk woord strooiende; ziet Hem omringd
van kreupelen en kranken, lastig gevallen
door de aanhoudende verzoeken van dui-
zenden ongelukkigen; ziet Hem in aan-
raking niet Schriftgeleerden en Pharizeërs,
op wier gelaat nijd en afgunst te lezen
staan ; ziet Hem zijne onwetende , onvol-
maakte leerlingen onderwijzende, steeds
opnieuw licginnende, totdat, zij het eindelijk
U-n halve begrepen hebben ; ziet Hem de»
zondaar en de zondares als verloren sehaap-
jes opzoekende ; ziet Hem omringd van tol-
lenaars en zondaars, ziet Hem zwecten en
zwoegen onder eene brandende zon, en
vraagt: wal zette Hem tot dat alles aan?
Ijelijk eertijds in de kribbe, zoo kan Hij,
gebeel zijn leven door, 1\' wijzen op zijne
liorst; want daar klopt en brandt zijn
Hart van liefde tot den mensen, dien Hij
oTJ
<-v>ATo
-ocr page 51-
°s
VIEBDE BAH.                                  4">
is komen verlossen; ;il die handelingen zijn
slechts bewegingen, ontleend aan hetjaeht-
wiel zijns Harten, dat door liefde wordt
in beweging gebracht!
\'t \\V;i.s de liefde, die Hem voor onze
/(inden zóó overvloedig deed voldoen , dat
de U. Kerk, vervoerd van vreugde, in hare
gebeden uitroept: Gelukkige schuld van
Adam , die ons zulk eenen Verlosser 1k--
zorgd heelt ! als wilde /.ij zeggen: had
Adam niet gezondigd, nooit zouden wij
zooveel bewijzen van liefde ontvangen heb-
ben j wij zouden God heblien mogeueeren
als onzen Schepper, maar niet nis onzen
liefdcvollen Verlosser.
o Goddelijke Zaligmaker, heb dunk voor
;il die liefdeliewijzen, die I door uw Hart
zijn ingegeven. 0, wat moet dat Hart van
liefde gebrand hebben , om zooveel goeds
te doen aan tnenselien, die, bij God verge-
leken , nog minder zijn dan aardwormen !
Voor God toch zijn alle volkeren, volgens
de uitdrukking des Profeets, maar als een
verloren druppel water, die aan den rand
van een emmer hangt\'l. Ons kleed van
l\' A\'gl. baim, 40, 15.
\'^öJjLo
-ocr page 52-
K\'i                                        W Kit UK DAG.
izenadc w;is gescheurd door de zonde, en
zie, hel lioddclijkc Mart herstelt niet alleen
die schilde, niiiiir versiert dut. kleed met
iil di ii glans , dien zijne verdiensten min
ecne ziel kunnen geven. Ons genadckleed
\\v;is lieziiedeld ; liet II. lliirt wiesell liet
niet iilleen in de eerste druppelen van
zijn Moed, vergoten in de Besnijdenis;
maar liet werd nog versierd duurde naarlen
van \'s Meeren zweet, die het in idle eeu-
wigheid zullen doen glinsteren niet een
licht, Wiiiirhij alle nardsehc luister slechts
duisternis zijn zal !
Toüi\'neniens.
1° Bedank Jezus voor de weldaad der Ver-
lossimr.
\'2° liiil daarom met bijzondere vurigheid diie-
I1UUÜ daaga het Atifii\'hts ot\' J)r Engel des lltx\'i\'en.
•i" Herhaal niet den mond en met het hart:
.. Hart van Jezus , brandend van liefde tot ons ,
.. ontvlam ons hart van liefde tot ü."
VOORBEELD.
In het jaar 2S8 na Christus, stond Ie Rome
voor de reehthauk van den landvoogd (\'hroinutius
een eerbiedwaardig grijsaard. Nog slechts weinige
dagen geleden was hij gedoopt. Met geestdrift
verdedigde hij de leer van Christus en de land*
CQ\\l
-ocr page 53-
^----------------------------------------^33
VIEKDK DAG.                                 U
voogd luisterde naar zijne, woorden. Béne waar-
heid kwam aan Chromatius nochtans onaannemelijk
voor en wel: hoe de onsterfelijke God een sterfe-
lijk lichaam had kunnen aannemen , uit liefde
voor de menseben. Toen sprak Tranquilliims,—-
want dit was de naam des grijsaards , — terwijl
het licht des H. Geestes hein bestraalde en wei-
sprekend maakte : Veronderstel , o Landvoogd ,
dat uw gouden ring, waarin een kostbare diamant
iïevat is, in ecu riool viel. Gij zendt uwe die-
naren, om hem er uit te halen, maar al wat zij
kunnen, is: zich zclveu en hunne kleederon bczoc-
ilelcn. Alsdan komt gij zelf; gij legt uwe prach-
tige kleederen at\', gij bekleedt u met de kleedereu
van een slaaf, gij daalt neer in het donkere
riool, gij zoekt, gij vermoeit u, maar eindelijk
zijt gij zoo gelukkig uw kostbaren ring te vinden;
niet vreugde stijgt gij op uit de duisternis, eu de
ring is u nu dierbaarder, naarmate het zoeken
il meer moeite en kommer gekost heeft. —
Chromatius luisterde aandachtig. Tranqiülliuus
ging voort: Ziedaar, wat Jezus Christus voor de
men&chen gedaan heelt. Het goud, waarvan ik
sprak, is bet lichaam des ïucnsehen ; de kostbare
diamant zijne ziel. De mensch was gevallen in
\' het slijk der zonde. God zond Engelen eu Profeten.
Ach, zij vermochten niet, den mensch te redden !
Toen kwam de tweede Persoon der 11. Drievul-
digheid, Jezus Christus; Hij legde den luister
zijner Godheid voor een wijle at\' en nam de ge-
%.____________________:________$
-ocr page 54-
O-fTf^___________________________________róf1°
" > 48                                  VIEBDE UACi.
rtaarrtr aan van tni slaaf; zou heelt Hij in deze
wereld gearbeid, gebeden, gezucht, om dcu mensen
te redden; daarvoor stierf Hij aan een kruis, tot
Hij eiudolijk zegevierend ten Hemel kon stijgen,
waar de mensch Hem nu des te dierbaarder is ,
naarmate deze Hein meer arbeid en lijden gekost
heeft t —
GEBED.
o (>«d, wiens Eengeboren Zoon in de zelfstan-
dighcid van ons vleeseh verschenen is, geef,
bidden wij ü, dat wij waardig worden door Hem.
dion wij uitwendig als geheel aan ons gelijk heb-
beu leeren kennen, inwendig naar dca geest
vernieuwd te worden. Die met X> leeft en heerseht
in dr eeuwen der eeuwen. Amen.
-ocr page 55-
Vijfde Dag.
Het H. Hart en <le Christelijke
Geloofsleer.
II. Antonius, Kluizenaar, ontving;
tj^Peens een brief, aan hem gericht
door den keizer en de keizerlijke
prinsen. Zijne leerlingen waren uitermate
verheugd over de hooge eer, welke de
keizer aan hunnen meester bewees ; maar
de II. Antonius zegde hun: « Gij noemt
» het eene eer, dat de keizer, die maar
» een sterfelijk mensch is , mij een liriet\'
» toezendt; verheugt u veeleer, dat God,
" de Meester der koningen, u van uit den
» Hemel een brief gezonden heeft; n. 1. de
» christelijke leering, waardoor wij kunnen
» zalig worden." Waaraan danken wij
cxjUo
oüï;
-ocr page 56-
gp---------------------------~-m
5(1                                  VIjr\'DK I>A(i
dien brief? Aan de (iefde, die Jezus\' II.
Iliirt \'ons toedroeg.
Wat was liet mcnschelijk gifdacht, toen
onze Heer als een kind op narde ver-
selieen\'.\' Och, de wereld was als eene
uitgestrekte woonplaats voor blinden, niet
naar liet lichaam, maar naar den geesten
het hart. Duisternis, dikke duisternis
liedekte geheel de aarde. Kn als liet Kin-
deke Jezus van uit zijne kribbe, door de
wanden van de grot heen , zijn alziend
iH>g over de bergen, over de zeeën,
over de koninkrijken dei\' wereld liet gaan,
wat zag liet dan\'.\' Ach, dat bijna alle vol-
keren der aarde de kennis van den waren
(iod verloren hadden! Overal ter wereld
verrezen afgodsbeelden van hout, en steen,
en tot deze zegde men : jrij zijl mijn God,
jrij moe\'t mij helpen in den oorlog en in
den handel. Ja , zelfs aan nog levende
menseheii hewees men goddelijke eer, en
als was dit nog niet genoeg, ook aan rede-
looze dieren bracht men offers en men
brandde wierook voor hen. Alles werd
vereerd als dod, behalve (\'nul zeil\', oDuis-
ternis, veel dikker dan die, welke eenmaal
t>Us>^                                                                     ^ \',?JJ o
-ocr page 57-
a^
VIJFDE DAG.
ilc Kgvptcnaivn boeide niet onzichtbare
ketenen1)!
Kn wiit zag «lilt Kind in het hiirt der
incuschen\'! .Niels dan roof en ontucht.
Het menschdom volgde den weg des
vleesehes, en zoover was het gekomen, dat
men meende een aan de goden welgevallig
werk ie doen mei verfoeilijke zonden te
bedrijven. Wouden en tempels weerklon-
ken meermalen van de sinartkreten der
menschclijkc slachtoffers; en dat de koperen
heelden, wier armen werden gloeiend ge-
niiiiikt, onschuldige kinderen verslonden ,
is maar één voorbeeld van de duizenden
gruwelen, die dagelijks over de wereld
plaats grepen! Hoe blind was niet een
volk, dat tot zulke dingen in staat was! —
Onze Heer gevoelde zijn Hart door mede-
lijden bewogen worden niet zooveel onge-
lukkigeil, die hier op aarde leefden, zonder
te weten, waarvoor zij geschapen waren,
en een nog ijselijker ongeluk in de eeuwig-
beid te gemoet gingen. Wat zal Mij doen?
Wat zal zijn liefdevol Hart Hem ingeven?....
Het Kind van hcthlclicm groeide op;
1) Vgl. Sap. XVII. 20.
^Do
[cyj
-ocr page 58-
52                             VIJFlir. DAO.
de mannelijke leeftijd was daar. Toen
verliet Hij de zoete rust van Xazareth
en het gezelschap van de teederste der
moeders, om door woord en daad eene
nieuwe leer te verkondigen, Hij door-
kruiste Palestina , Hij leerde den menschen
hunne bestemming, Hij leerde hun opnieuw,
dat er maar één God is, drievuldig in
Personen, hoe zij hunnen God moesten
dienen en vereeren: Het grootste aller ge-
boden is: Er is één God ... En gij zult den
Heer meen God beminnen uil geheel uw hart,
uil geheel uwe ziet
, uit geheel uw verstand
en met al uwe kracht. Dit is het grootste
en eerste gebod. Hel tweede aan dit gelijk
,
is.\' Gij zult uwen naaste beminnen als u
zelren. Een grooter gebod dan deze is er
niet.
(Mr. XII. Mt. XXII.) Hij leerde hun,
welke weg ten Hemel geleidt, wat hen
wacht, die deugdzaam leven en sterven,
wat straffen bereid zijn voor hen, die
hunne bestemming niet l>ereiken; en dat
alles vermengde Hij niet zóó hartroerende
en duidelijke gelijkenissen : van een mos-
taardzaadje, van een zuurdeesein, vaneen
huis op de rots gebouwd, van den armen
U3^                                                   ?d3x>
-ocr page 59-
o f\\ï- -
—*-vi
VMFDE DA*.                                  »0
Lazarus (in den rijken vrek, van wijze en
dwaze maagden, van een onvruchtbaren vij-
geboom, dat alles droeg Hij voor met zooveel
liefde en nadruk, dat men zien inderdaad
vrijwillig een blinddoek voor de oogen moest
binden om het volle licht van zooveel
waarheid niet te zien. Die leer prentte
Hij niet moeite en veel zorgen zijnen leer-
lingen in, Hij gaf hun den last, ze over
geheel de wereld, tot. aan de uiterste gren-
zen der aarde te verkondigen, Hij beloofde
hun zijn II. Geest, en aan hunne Opvolgers
zijn eeuwigdurende» bijstand om die leer
ongeschonden te kunnen bewaren ; Hij be-
vestigde haar met verbazende! wonderen :
dooden verrezen, zieken genazen, brooden
werden vermenigvuldigd en stormen bedaard.
Km nu ? Dank aan God , dank aan de
liefde van Jezus\' II. Hart, dat. zieh over
de scharen ontfermde en medelijden met
Tiaar had ! Nu weten wij , wie wij zijn ,
waarvoor wij lx\'stemd zijn, hoe wij God
moeten dienen; nu weten wij, dat het
beter is; alles te verliezen daji schade te
lijden aan onze ziel; nu weten wij , wat
wii te doen en te laten hebben om eeu
oU&i
-ocr page 60-
"• \'                                         VIJi\'IlK DAO.
wig zalig te kunnen zijn in den hemel ,
die voor mis lieren! is.
Als in de /cc, dicht hij het huid. een
gevaarlijke plaats is, waar dikwijls schepen
vergaan, (hm richt men hij die plaats een
vuurtoren op, dat is: een hoogen toren,
op welks hoogste punt een groot licht
brandt. Dat licht werpt dan zijne stralen
over de oppervlakte des waters, en de
schepelingen. die er op letten, kunnen
uu weten, waar zij varen moeten om
liehouden , zonder ongeluk , de haven te
bereiken. Meelt uu hij, die zulk een vuur-
toi\'en opricht, geen recht op de dankbaar-
heid van de sehepclingen, die anders bijna
zeker zonden vergaan zijn ".\' Wij allen zijn
reizigers naai1 den Hemel. Üe wereld is
eene woeste, donkere, gevaarlijke zee,
vol klippen en rotsen. Duizenden, die
vóór ons die zee bevoerden, zijn vergaan ;-
niaar met ons heelt het II. Mart medelijden
gehad, voor ons heelt liet een vuurtoren
opgericht , die zijn licht verspreidt over
de gebeclc zee. l>ie vuurtoren met dat
licht, \'t is de christelijke leering, de
leering, die Jezus ons verkondigd heelt.
-ocr page 61-
a^-
m.ir in. hm.
De II. Lvprinuus vr.uigt urgent: waarom
<lc christenen vnn zijnen tijd vergaderden
niet des daags, maar «les nachts? Hel
is, zegt li ij, omdat zij Christus erkennen als
het ware Licht, nis de Zon , <lic geen on-
dergnng kent, < want, zoo zegt de Heer, Ik
i\' Ih\'ii het Licht der wereld, en die Mij volgt,
• wandelt niet in de duisternissen." In dut
licht kunnen wij van verre de haven.
d. i. den Hemel, zien; in dnt licht zien
wij de klippen en afgronden, d, i. de hel,
die wij te vermijden hebben; dat licht
geleidt en hemoedigt mis, en zonder dat
licht gingen wij verloren gelijk duizenden
en inillioeneii vóór ons. o lieer Jezus
Christus, hieraan zien wij, dat uw Hart
ons liefheeft. In die goddelijke leer hebt
Ciij ons het bewijs gegeven, dat uw 11.
Hart een milde bron , een rijke schat is
vnn Helde, waaruit (lij "lis mededeelt, wat
wij voor onze zielen noodig hebben. Wees
eeuwig gelooid en geprezen !
Maar wij, wij zijn ook uit dankbaarheid
verplicht , die leer aan te nemen , er ons
iu te doen onderrichten, ze te volgen, koste
wat het kost. Wat. zal het.ons. haten ,
"^ëtto
0 IJc,j"
-ocr page 62-
iH<
-r-
cff
^>0                                  VHFDB DAG.
(lilt het H. Hart stralen van licht uitschiet,
;ils wij vrijwillig de oogen sluiten 1 Kn
mi mogen al sonimige voorschriften dier
leer hard schijnen aan on/.e natuur, nog
harder zal het zijn, gelijk Thomas a Kenipis
zegt, als wij naderhand tot str.il onzer
ondankbaarheid zouden moeten hooren:
gaat weg van mij, vervloekten, in het,
eeuwige vuur ! « Leeren wij dan ook ,"
/.egt de H. Aiigiistiiins , «de rijkdommen
» der wereld te verachten , de genoegens
i van den tegenwoordigen tijd niet te be-
» minnen, te verlangen naar \'t eeuwig Kijk,
ii nie.t.s Iwven Christus te stellen, maar in
» alles aan zijne geboden te gehoorzamen,
»de armoede te beminnen, rijk te zijn
»aan deugd, een schat van wijsheid
n trachten te verkrijgen, geestelijke vreug-
ii den te zoeken, niemand te benijden,
ii maar alle menschen te beminnen, de
ii vrienden in God , de vijanden om God,
ii want dit. en dit alleen is ware liefde."
Voornemens.
le Het H. Hart bedanken voor de liefde,
waarmede Het ons zijne leeringen schonk.
Met eerbied de onderrichtingen eu predika-
fc
<^>t£o
-ocr page 63-
-^8
VIJFDE DAS.                             57
w
tien aaulioorcn ; onderdanen of allen , op wie
wij invloed hebben, in die leering onderwijzen of
doen onderwijzen.
VOORBEELD (1).
Vierde Ymchijii\'ing aan de Qelukz.
Marga/rta Maria.
„Op een dag onder het octaaf vnn het Allerh.
,, Saerameut, zoo schrijft de Gelukzalige , liet de
„Heer, terwijl ik voor het altaar lag neergeknield,
„mij zijn Goddelijk Hart aanschouwen, en sprak :
.. Ziedaar het Hart, dat de meniehen zoozeer be-
,, wind heeft, dut Hef niets spaarde en zieli nit-
,, geput en verteerd heeft, om hun zijne liefde
„te betonnen -. en tot vergelding ontvang Ik van
„ het meerendeel niets dan ondankbaarheid door
„ hunne oneerbicdigheden en heiligschennissen ,
,, en door de koelheid en onverschilligheid , die
„zij mij bctooDcn in dit H. Sacrament van liefde.
„ Maar, wat mij nog gevoeliger treft is, dat har-
„ ten, die mij zijn toegewijd, mij aldus bejegeneu.
„ Hierom vraag ik u , dat de eerste Vrijdag na
„het octaaf van \'tH. Sacrament aan een bijzon-
„ der feest ter cere van mijn H. Hart zij toegewijd,
„ dat men dien dag de H. Communie ontvange
,, en aan Hetzelve eerherstel geve ter vergoeding
„ voor al de onwaardige bejegeningen , waardoor
„ Het. beleedigd wordt in den tijd , dat het H.
.. Sacrament op de altaren is uitgesteld. Ik 1>c
1) Gallifet. 2. p. C»p. I. art. 1. et seq.
%.______________________________
-ocr page 64-
m
rono
V IJl lil. ll.Wi.
„ loof u ook, dal mijn Jfurl zich zul verwijden ,
,. om in overvloed de uitwerksels van zijne
.. Goddelijke liefde Ie iloeu gevoelen aan allen ,
„die aan Hetzelve die eer zulle» bewijzen, en
,. zorg zullen drogen , dut die eer aan Hetzelve
„ bewezen wordt."
Ziehier wat liet II. Hart OliU zijne vereerders
belooft :
1.     Ik zul linn al de genaden Rehenkeu, welke
zij in hun staat behoeven.
2.     Ik zul vrede brengen in hunne huisgezinnen.
:i. Ik zal hen troosten in al hunne zwarig-
heden.
4.     Ik zal hun eeue veilige schuilplaats zijn
in het leven en vooral iu den dood.
T>. Ik zal overvloedige zegeningen uitstorten
over al hunne ondernemingen.
(1. De zondaars zullen in mijn Hart vinden
de bron en den cindcloozcn oceaan der bannha»
tigheid.
7. Do lauwe zielen zullen vurii; worden.
5.     Do vurige zielen zullen spoedig tot eene
hooge volmaaktheid geraken.
1). Ik zal zelfs de huizen zegenen, waarde
beeltenis van mijn Heilig Hart zul uitgesteld
en vereerd worden.
10.     Den priesters zul Ik de gave verleenen,
om de verstuktste harten te treilen.
11.      De naam• van diegenen, welke deze devotie
zullen uitbreiden , zal iu mijn Hart geschreven
en daar nooit uirgewischt worden.
\'c^tJ3
fatfe^
-ocr page 65-
m
^
5\'J
VIJFDE, l»AO
REBK1).
o Allerheiligst Hart van Jezus . (\'ij /.ijl niel
alleen een liron van warmt*\' voor het hart, maar
ook van licht voor den mol. Verlicht ons ver-
stand , opdat het onze schreden richtc . eu ver-
warm ons hart door het vuur uwer liefde, opdat
wij met hlijdsclinp voortgaan op ilcu wei: uwer
geboden en het einddoel bereiken : de gelukzalige
eeuwigheid. Amen.
lieer Jezus, Stichter en Voltrekker van. ons
Geloot\', hel) medelijden met on/e afgedwaalde
Broeders in dit deel uwer erfenis, waar wij ge-
boren zijn en leven. Verlicht hun verstand , tref
hun hart, opdat zij de waarheid inzien eu de 11
moed hebben ze te volgen. Wij smeeken het l
door de voorspraak van zoovele Heiligen , die
dezen grond met hun zweet eu bloed bevochtig-
den. Amen.
****..*
a^««- *•>*"*«
\' Jty.
-ocr page 66-
Zesde Dag.
Het H. Hart en zijne Voorbeelden.
J5èH
CiD.4
at zou men zeggen van e<;n ge-
•neesheer, die aan het ziekbed van
\'een lijder staande, hein een bitteren
drank toebereidt, maar wetend, dat. de
zieke veel tegenzin zal lieblien, om dien
te gebruiken, zeil\' eerst den drank aan
zijne, eigene lippen brengt en zoo den lijder
tot navolging aanspoort ? De toegenegen*
heid en liefde van dien geneesheer zou
groot moeten zijn. Wat geen geneesheer
ter wereld doen zal, dat heeft onze Heer
Jezus Christus gedaan, zegt de H. Augus-
tinus. «Mij maakt u onmogelijk te zeggen:
n ik kan het geneesmiddel (het lijden) niet
• verdragen, niet drinken ; want Mij heeft
» het eerst er van gedronken , opdat, de
«••H
ott
V*
-ocr page 67-
3 Pp"___________________________________C6A9
ZESDK DAG,                                   (il
G
» zieke mensch niet aarzelen zou\')." Waar-
om? Omdat de liefde zijns Harten grooter
is diin die van alle menschen. Hij kwam
op de wereld , om als een liefdevolle üe-
neesheer alle kwalen te heelen, vooral den
hoogmoed des menschen. Als God wist
Hij, hoe diep die hoogmoed in \'s menschen
hart geworteld is; Hij wist, nog veel beter
dan wij het ondervinden, hoe afkeerig van
vernedering ieder inensehenkind is, hoe de
mensch alles doet, wat hij kan, om ver-
nedering te ontkomen, en hoe hij er altijd
en overal op uit is, zelfs zonder dat hij het
bemerkt, zich hoven zijne inedemensehen
te verheffen. Uien hoogmoed wilde onze
Heer komen genezen. Sinds 4000 jaren
had die ondeugd vrij wortel kunnen
schieten en welig mogen tieren in \'s men-
schen hart; oordeel daaruit, wat pijn het
moest kosten, haar te laten uitrukken,
wat tegenzin de mensch moest gevoelen,
om dien bitteren drank der vernedering te
drinken. Wat zal de Heer doen ? Zal Hij
ons dreigen niet zware straffen, zoo wij
zijne voorschriften van ootmoedigheid niet
1) S. Aug. Scrni. 68. de Temp.
-ocr page 68-
m
cp—:---------------------------• •
IpL\'                                         ZESDE UAO.
• i|)\\ olircn\'.\' Of zal Mij on» ontheflen van een
juk. «hit. ons ondraaglijk schijnt"! Neen,
gchivl icis anders geeft Hem de liefde zijns
Harten in. Ons dreigen zon de handelwijze
zijn van een strengen wetgever, maar de liefde
zijns Harten toont Hem den weg aan van
den medelijdenden geneesheer: /.ij raadt
Hein , zelf eerst den liitteren heildrank te
drinken om zoo ook ons den moed te
Lieven dien kelk aan onze lippen te brengen.
Hij lierft hem gedronken en gedronken tot
op den bodmi toe. Kn met welk gevolg?
Hij heeft aan de vernedering hun\' bitter-
lieid niet ontnomen, want dat zon onze
verdiensten verminderd helilien ; maar,
••inds Hij ons het voorbeeld gegeven heeft,
kunnen wij dien hekel\' ook drinken; dat
voorbeeld heeft den moed gestort in menige
ziel, die eerst de vernedering en ootmoe-
digheid als onaannemelijk van zich afstiet.
Wilt deed Hem zoo handelen? l)e liefde
zijns Harten voor ons. Ijr/iil faeere H
docere.
Kerst deed Hij en toen leerde Hij.
Kersl vernederde Hij zich, gehoorzaam ge-
worden tot den dood , ja , tot den dood
des kruises; ook ons leerde Hij daardoor:
-ocr page 69-
^---------------------fffi
zksiii: iiao.                              <m
verneder u onder de machtige liand Gods
i\'ll nrcill liet juk ilcr gehoorzaam heid lilij-
inocdig op uwe schouders.
Van koning Alcxander den Groote leest
men , dal hij altijd de eerste was in den
strijd ; moest eene vesting bestormd wor-
den , hij was het eerst op de ladders en
op de muren: moesten er lange tochten
worden afgelegd door woestijnen, hij ging
voor , en klaagden zijne soldaten van honger
of dorst, dan legde hij ook zich /.elven
eene vrijwillige vasten op. Ilaardoor werd
de moed zijner soldaten zóó groot , dal zij
hem zouden gevolgd heblwn tot aan de
grenzen der aarde. Wat de eerzucht
aan Alexander ingaf, dat gaf de liefde aan
Jezus Christus in. Ook ons heelt Hij eene
stad ter verovering aangewezen, eene stad
gebouwd op eenen lioogen berg; kronke-
Icnde, gevaarvolle wegen geleiden daarheen ;
de voeten worden er gewond door distels
en doornen; honger en dorst en allerlei
vermoeienis moet er verdragen worden.
Die stad is de Hemel. Wie zal die
kronkelende!, doornige paden durven be-
stijgen"? Wie zal voor dien strijd moeds
-ocr page 70-
m
__________________________________ ?
«4                                   ZESDE l>A(i.
genoeg hebben\'? Onze Heer Jezus Christus
vond in de liefde zijns Harten het middel
om ons dien moed te geven. Als eeu
koning stelt hij zich aan het hoofd dei-
zijnen. Hij toont hun de Stad Gods, den
Hemel, en al de glorie en het geluk, die
daar genoten worden, en Hij roept ons toe:
u Het rijk der Hemelen lijdt geweld en
• de geweldigen alleen nemen het in," en
vol moed begint hij de steile hoogten te
bestijgen met den wapenkreet: « Die zijn
» kruis niet opneemt en Mij niet volgt, is
» mijner niet waardig." Wel pijnigen Hein
de doornen van armoede en versterving;
de ontbering, de vernedering, de natuur-
lijke zucht om te leven en \'t lijden te
\'Ontvluchten, zij trachten Hem den weg te
versperren ; moeilijkheden van allerlei aard
rijzen op; zelfs verlokkingen van zijn vijand,
den duivel, die Hem al de koninkrijken
der aarde aanbiedt, met alle schatten
en wellusten der wereld, —• moedeloos-
heid , verdriet, verveling , walging, en
onbeschrijfelijke zielesmarten, vrees en
angst bestormen Hem; doch niet voor zich
zelven alleen l>estijgt Hij die hoogten ; ook
VQ
-ocr page 71-
m
voor ons; \'lis zijn liefderijk Hart vooral
te doen, om ons don moed te geven die-
zelfde paden te lietreden, peen doornen
van armoede en versterving, Reen verlok-
kingen van den vijand , geen strijd , geen
moeite U- vreezen, om het rijk zijns Vaders
te veroveren en eeuwig met Mem te kun-
nen heersehen. « Geheel het leven des
•Heeren was zulk een leerschool van deugd,"
zegt de II. AugustiniLs. i De beminnaars
•\' der wereld jagen de rijkdommen na, —
- Hij wilde arm zijn : zij verlangen geëerd
» te worden en bevel te voeren,
" Hij wilde geen Koning worden ; zij ach-
» ten het een groot goed, kinderen te hel>-
> ben, Hij wilde, maagd zijn; van ver-
» nedering hebben zij in hunne trotschheid
«een onheschrijfolijken afkeer, - Hij om-
» helsde alle slaa van vernedering; zij
>• houden de heleedigingen voor ondraag-
•  lijk, - maar was er een grootere
» beleediging mogelijk dan onschuldig ver-
•  oordeeld te worden 1 Zij vluchten de
» lichaamssmarten, — Hij liet zich gccselcn
» en martelen ; zij vreezen te sterven , -
» Hij werd ter dood veroordeeld; zij
t
bU~>
-ocr page 72-
li(i                                   ZKSUK 11A<i.
• hielden den kruisdood voor allerschau-
» delijkst, - Hij liet zich kruisigen."
Heli dunk, o lioddolijk Hart, wij willen
I volgen; o, trek ons op uwe puilen.
want ons harl in bevreesd; maar \'t zou
eene hifheid zijn I niet te volgen, waai\'
(iij met zooveel liefde ons voorgaat.
Niet alleen om ons moed in te boezemen,
heeft liet H. Hart ons zijne voorbeelden
gegeven; maar ook om ons den gcmak-
kelijksten en veiligstelt weg te toonen ,
dien wij te volgen helilien. Haar leiden
vele wegen tot God ; sommige zijn veilig,
andere gevaarvol ; daar zijn ook vele
dwaalwegen, die in het liegin tot llod
schijnen te voeren, maar eindelijk utt-
loopen op den hreeden weg des verderfs.
Wat doet men hier op de wereld, wanneer
verschillende wegen elkander kruisen\'.\'
.Men plaatst er een houten ofsteenen weg-
wijzer , die de plaats aangeeft, waarheen
de weg geleidt, en tevens, hoever men nóg
van het doel der reis verwijderd is. Zoo
bespaart men aan de reizigers veel moeite
en behoedt men hen voor \'t gevaar van
verdoold te geraken. Zoo deed ook Unze
:\\jc~-                                               ^t
-ocr page 73-
ffi^-
61
ZKSIIK. DAO.
Heer. Hij zag ons, stervelingen, op de
wereld ronddolen. Wij zochten God, maar
wisten niet lan<rs welken weg, het zekerst
tol Hem en tot zijne glorie ie komen. Het
Goddelijk Hart had medelijden met ons, en
zie, ;ils een wegwijzer aan een kruisweg,
zoo stelde Hij zijne voorlieelden : Volgt dezen
weg, roepen zij ons toe, en binnen zeer
korten tijd zult gij uwe bestemming bereik!
hebben! Dien weg volgden alle Heiligen;
de II. Vincentins, onder anderen, vroeg zich
steeds af: Hoe zou Jezus Christus hierge-
handeld hebbend Dan deed hij ook zoo
:ils Jezus zou gcdiinn helihen en daardoor
kwam hij tot die hooge volmaaktheid, welke
wij iu hein bewonderen.
Hoe zullen wij die voorlieelden kennen ".\'
Ook daarvoor heelt de licidc van Jezus\'
II. Hart gezorgd; want Hij heelt zijnen
leerlingen ingegeven, die voorlieelden in
bijzonderheden op te teekenen en te bewaren
voor \'t verste nageslacht in de vier llll
Kvangeliën.
Zou het II. Hart van ons nu wel eeoe
andere dankbaarheid verwachten, dan dat
wij niet moed en volharding die voorheel-
tvilJo
öUc.
-ocr page 74-
LQi_-_______________________________fW
J08                                  3KSHB DAO
den iwvoljieii, en rok den snuillen weg op-
gaan, ten einde eens de poort des Hemels
te kunnen binnentreden\'.\'
"Voornemens
1" Ons zelvcu eenc venterving opleggen.
De vernederingen en moeilijkheden die ons
overkomen ot\' door ouderen worden aangedaan ,
gelaten verdragen , denkende : Die zijn kruis niei
opnerml en Jezus niet volgt, is Zijner niet waardig.
3° Dikwijls door den dag herhalen: Mijn Jezus,
zachtmoedig en ootmoedig van harte, maak mijn
hart gelijk aan het uwe. lAfl. van 300 dagen
eens per dag. Pius IX. .\'.\'•") Jan. IHOS.i
VOORBEELD.
De II. Kerk zegt op den feestdag van St. dan
Evangelist: „ Deze is de leerling, dien Jezus be-
„ minde . en die in \'t Avondmaal op \'s Heeren
„ boezem rustte." Het H. Evangelie spreekt ins-
gelijks. Wat deed Joannes op de borst des
Heeren V Hij voelde het H. Hart kloppen en
gloeien van liefde , en, zegt de H. Kerk , de
stroomen des Evangelies heeft hij uit de brou
van \'s Heeren borst zelf als gedronken.
Eens verscheen hij aan de H. Oertrudis. Deze
vroeg hem , waarom hij, wiens hoofd op de borst
i des Heeren gerust had, tot onze onderriehting
niet iets over de kloppingen van \'t H. Hart ge-
-ocr page 75-
0
~\\c- *
-\'5T
ZKSliK DAG.
69
fe
Bchreven hud.
De welbemind»
Leerling antwoord-
<lc : Mij niis gelast de opkomende Kerk te onder-
wijzen aangaande de leer van \'t Ongeschapen Woord,
en de waarheid er van mm de volgende eeuwen
over te maken ; maar wat de zoete bewegingen,
van dat Mart betreft, God heeft zich voorbehouden
die zoetheid aan de laatste tijden . als de wereld
zal afgeleefd zijn , te openbaren , om door dat
middel de liefde, die dan merkelijk zal bekoeld
zijn , weder Ie doe.i ontvlammen.
Ofschoon Joanncs er niet over ach reef, gaf hij
toeh door zijne voorbeelden wel te kennen . wat
liefde hij in dat Hart geput had; zoo verhaalt b. V.
de H. HioroDTmus: Toen de II. Joannea reeds
hoogbejaard te Kphesc verbleef en , door zijne
leerlingen geleid , nog maar nauwelijks meer ter
kerke kon gaan en geen langt; redevoeringen
meer kou houden, zegde hij bij iedere vergadering
nooit iets anders dan : Mijne kindertjes , bemint
elkander. Toen het zijne leerlingen en broeders
begon te vervelen altijd hetzelfde te hooren,
zeiden zij: Meester, waarom Mg) gij altijd het-
zelfde\'r Hij antwoordde (en dit antwoord wai
Joanncs waardig): Omdat zulks het bevel de»
Heereu is; en, als dit maar geschiedt, is het
genoeg.
GEBED.
Geel. bidden wij U, Almachtige God, dat wij,
die in hel Allerh. Hart van utren geliefden Zoon
^ffl
-ocr page 76-
\'%
m,
o
ZKSHK l»AU
onzen roem stellen en de voornaamste weldaden
zijner liefde jei;<*ii> ons herdenken, ire.et\'. dat wij
ons over hel scheuken dier weldaden en over hare
vr nel) ten moffen verheugen. Door tien/elfden
(\'hri>tn> . on/cil Heer. Amen.
UfrtiT\'
ê5
loJJo
grj
-ocr page 77-
Zevende Dag.
Hel H. 11 nrl ons toerende bidden.
^I.IMIKN zijll ongelukkige!) , dit\' ons
j£(?£>medelijden ten volle verdienen; als
" gij hen daar benen ziel gaan, tastende
on in wn voortdurenden nacht gedompeld,
dan wordt. het u leed i>m het hart. Maar
sds zulk een Minde, ook nop de gave der
spraak miste , als hij niet naar den weg
kon vragen of zijn nood klagen aan ouders
en vrienden , zou hij dan niet dubbel lie-
klagcnswaardig zijn".\'
Zoo was liet iiienselidoin, toen Onze lieer
op de wereld kwam. Klind wasde mensen
naar den geest, omdat hij God niet kende,
en stom naar de ziel, omdat hij niet met God
wist te spreken, zijne behoeften niet w ist
te openbaren,\' geen hulp ging vragen, zijn
nood niet wist te klagen aan zijnen liolde-
-<iUo
StJFï"
-ocr page 78-
:i2n
O•nit -
fa                                ZEVENDE IMG.
rijken Vader in den Hemel, o Droevige
toestand!
Van de blindheid genus hem de Heer
door zijne Goddelijke leering; ook met de
geestelijke stomheid had zijn liefdevol Hart
medelijden ; Hij genas ze door den mensch
ie leeren Udéea.
De liefde is vindingrijk en daalt tot de
minste bijzonderheden nl\'; /.ij is niet tevreden
voordat zij alk» gedaan heelt, wat zij kan.
Zoo ook de medelijdende liefde van Jezus\'
II. Hart. (ielijk eene moeder, wier klein
kind begint te stamelen, aan dal kind met
liefde en geduld de wijze van spreken leert,
het kind voorspreekt , het verbetert en
opmerkzaam maakt op gebreken, zoo deed
ook Onze Heer. Hij leerde de mensehen
spreken met llod , maar Hij drukte hun op
het hart, zoo zij hunne taal aan (ïod behaag-
lijk willen maken, met nederigheid tot God
te spreken. En als was zijne verzekering
niet genoeg, drong hij daar op aan inde
gelijkenis van den Tollenaar enden Phari-
zeër; opdat wij niet tevergeefs /.ouden
bidden, openbaarde Hij ons, dat de tolle-
naar, die nederig bad en op zijne Ixirst
m
-ocr page 79-
m^
73
klopte, gerechtvaardigd naar hui» prinjr,
terwijl de Pharizeër, die groot ging op
zijne goede werken , schuldiger heenging ,
<l:m Hij gekomen was.
Ook door te weinig vertrouwen of
:<l te geringe volharding kon ons gebed
soms zonder uitwerksel blijven. Daarop
wijst ons de liefdevolle Verlosser, en als
was Hij beducht, dat wij bij eene niet
oogenblikkelijke verhooring het gebed zou-
den achterlaten, zegt Hij ons: bidt en
houdt niet op: slechts voor bent, die blijft
kloppen, wordt opengedaan ; slechts hij, die
blijft zoeken, zal vinden, wat\'hij zoekt. Ko
Hij bevestig! die leer door tal vangelijke-
nissen, waarbij Hij zelfs niet vreest zich
te vergelijken bij een onrechtvaardige!!
rechter, die zich ten laatste laat vermur-
wen door het lastig aanhouden van een
arme weduwe ; Hij vergelijkt zich bij een
vriend, die ook des nachts opstaat om
het aanhouden en kloppen van zijn vriend ;
bij een vader, die zijne kinderen op hunne
bede geen steen zal geven voor brood en
geen schorpioen voor visch.
Omhaal van woorden zon ook in ons
oLK\'-j
-«Uó
-ocr page 80-
ff
m
;i
ZI\'.MIXIIIO 11 A«.
gebed aan < ïotl kunnen mishagen: gebruik
geen omhaal van woorden , /.egt ons aan-
stonds zijn medelijdend Hart ; want dr
Vader in den Hemel kent beter uwc 1h>
lioefteu dan gij zelf; en als (rij bidt, doe
het. dan niet in het openbaar, aan de hoeken
der straten , of gelijk de huichelaars in
den tt\'iii|M\'l; want behalve dat het u ver-
strooien zou , ilc ijdelheid /.on de vrucht
van uw gebed verhinderen ; maar als «ij
bidt , doe liet dan in \'t verborgen, in uwe
binnenkamer, waar alleen Gods oog u/iet.
.Nog andere middelen gal\' Hij aan , om
zeker verboord te worden : Bid, /.egde Hij.
bid in mijnen Naam en al wat gij dan
den Vader vraagt , /.al u gegeven worden.
Bid niet alleen, maar vercenig u mei
anderen, en ik beloof u: waar twee of
drie in mijnen .Naam vergaderen, daar /.al
Ik in hun midden zijn.
Doch eene moeder doet baar kind, dat
liegint te .stamelen, ook zelve voor, hoe bet
spreken moet. Ook daartoe wil de liefde
des Heercn afdalen De Apostelen vroegen
Hem: Heer, leer ons bidden: uls wilden
zij zeggen: hoe zullen wij /.int tot God
P
Sc
-ocr page 81-
c<5?
m
7.E\\KMIK DAG,
spreken , dat ;il (lic eigenschappen in ons
gelied worden aangetroffen, en God ons
gcnadiglijk verhoort".\' Kn zie, de lieer
o|>eiit- de lippen, om doortocht ie geven
aan de woorden, die uit zijn Goddelijk
lliirt ontsproten, en de luisterende Apostelen
vernamen dit verheven gebed : Onze Vader,
dié in Hr Hemelen zijl
, enz.
Eeuwige dunk aan d<\' welwillende liefde
van \'t Goddelijk Hart! Nu hebben wij een
gebed , düt den Vader behagen moet, oin-
diit het niet ons gebed is, maar \'t gebed
van zijnen eenigen Zoon : \'t is niet een
smeekschrift, dat wij zeken hebben opgc-
steld, maar een smeekschrift, dat Gods
Zoon ons in handen giif en door Hemzelven
is samengesteld !
De II. Kerk herinnert ons in iedere II.
Mis aan die weldaad, als/.ij het Onze Vader
Water Notier)
niet deze woorden inleidt
heilrijke lessen opgewekt en doouv^ *
lelijke onderrichting geleerd, xvaattjr*
wij het te zeggen.\' Onze Vader." {yIs
1« g
alsol\' de II. Kerk zegt: II. Yadf r,- unie,
gebeden zijn niet waardig l: te worden
aangeboden, maar uw Zoony, uw Kenige,
Y
v
•v,
-ocr page 82-
-=m
w
ZKYF.NDE DAG.
heeft ons een brief in handen gegeven,
door Hem /.elven opgesteld en wij, die het
niet wapen /.ouden, I\' zoo aan te spreken,
wij doen het, omdat Hij ons in zijne mede-
lijdende liefde geleerd heeft, hoe Gij in
uw ongenaakbaar licht verlangt toegespro-
ken te worden.
Nici alleen heelt Hij ons, geestelijk
stommen , met (lod leeren spreken ; ook
/.elf is Hij, vol medelijden voor ons op^e-
treden bij den Vader. Kon die woestijn ,
waai- Hij 10 dagen vastte en had, ons
eens zeggen, wat Hij daar voor ons vroeg ;
konden die eenzame rotsen, die stille meren
van Palestina, de maan, die Hem /.oo vaak
bescheen , ons eens verhalen , van welke
vurige gebeden voor ons heil zij in het
nachtelijke uur getuigen waren !
Eens, - -\'t was kort voor zijn lijden, —
stond Hij in \'t midden der zijnen; Hij
sloeg de oogen omhoog en had : « Vader,
• Ik vraag I\' ook voor hen, die in Mij ge-
»looven zullen,.. opdat zij allen één zijn,
«gelijk Gij, Vader, in Mij en Ik in U—
>• Vader, Ik begeer, dat waar Ik Iten, ook
» zij, die Gij Mij gegeven hebt , met Mi}
%
m
-ocr page 83-
7.KVENDE DAG.                                77
\'> lijn , opdül zij mijne heerlijkheid aan-
»schouwen, die dij Mij gegeven hebt...;
«dut de liefde, waarmede (iij Mij hehl
• liefgehad in hen /.ij, rn Ik in licn\'i."
Z<xi kan slechts een Hart bidden, dat ver-
vuW is van liefde voor den mensen!
Wat deed Jezus in den hof van Olijven
rn op het smartbed des kruises? Ach.
zijn eigen lijden vergetend , had Mij voor
ons. Zijn Hart was overstelpt van he-
nauwdheid aan het kruis, zijn lichaam
bloedde uil duizend wonden : toen verhief
Hij onder vele tranen en met krachtig
geroep zijne stemme en door de stilte en
de duisternis, die op (iolgotha heersehten.
klonk het: «Vader, vergeet\' het hun, want
«zij weten niet wat zij doen!" oMensch,
o wereld, dat gebed was uw behoud!
Ihu was eene liede van oneindige waarde:
Gods toom was opgewekt, maar dat gebed
deed de schaal der barmhartigheid door-
slaan; het was het gebed van een metisch,
die te gelijk (lods eengehoren Zoon was,
een goddelijk gebed !
Zoo leerde ons de Heer, aangezet door\'
1 .luis XVII. 20, ->ö.
"cxiU-O
-ocr page 84-
m^ _--------.----------------------------.üöm
7*                                       ZKVENDK tiAli.
ik liefde zijns Harten, die groote kunst
van bidden ; zoo gaf Hij ons den sleutel
des Memels en der liemelselie seh;ilten in
handen. Zullen wij dien sleutel ongebruikt
laten liggen? Dan heliben wij onze gces-
telijke ;irnioe<le uail ons /.elven te wijten.
"Voornomen^.
1" Niet zoozeer het jfrfc/onzergebedea verdub-
ïii-lrn , jils wel de iin,irlrivlil en citrighrid, waar-
mede wij ze dooD.
2° Dikwijls door den dag ons hnrt tot (out
verheffen : "b. v. Iiij het slaan der klok. hij het
binnentreden eener kamer.
:i° Al ons werk doen met een zuiver inzicht,
urn er zoodoende ecu voortdurend gebed van te
maken.
VOORBEELD.
„Heden /uk gij met mij zijn in \'t Paradij* .
zoo sprak de liefdevolle stem des Hceren aan
het kruis, tot den moordenaar aan zijne zijde. Deze
was een man beladen met misdaden: hij had een
leven van gruwelen achter zieh. Manr\'tGoddelijk
Hart had medelijden met hem en beloofde hem
na zulk een leven »\\.....rde, hel eeuwig leven in
\'t Paradijs, ,, Maar, vraagt de H. Augustinu» ,
.. Petra* heeft de sleutels van het hemelseh rijk.
„ en zoolang de Heer niet voor allen gestorven
-ocr page 85-
ZF&2--------------------------------------sm
/.KVK.MIK UAG.                                       T\'.l
„is, kun Petrus dat rijk niet opeuen. Hoc kwam
.. er dan de goede moordenaar? O, zoo antwoordt
.. hij, door di\' zijdewonde, die I.ouginus deu
,. Heere toebracht. Komt allen daarin, gaat de.
„Kerkleeraar, tot zijne geloovigcu van Hippo
.. sprekend, voort, komt allen daarin, gij, die het
,. Paradijs licfhebt. Deze moordenaar toont ons
„den weg, dien wij moeten inslaan. Hij leert
,. door zijn voorbeeld, dat niemand moet wanhopen.
,. Ih\'/ji\'i-i\'t f , zegt de Heer , out itt /f r/tnr,/ t/ottr
., ilr enge poort. (*) Wat is er enger dan die
..opening, die een soldaat in \'s ecre.11 /. ijdc
„maakte? En toch door die enge opening is
,. reeds bijna heel de wereld binnengegaan."
Weldra ging door die opening ook de soldaat bin-
nen , die ze maakte. Zijn uaain was I.omxinns.
Door Pilatus gezonden, doorstak hij de zijde des
Heeren. Maar de trekenen ziende, die \'s Heercu
dood vergezelden , hoc de zon verduisterde en de
aarde beefde, geloofde hij in Jezus Christus en
op zijne borst kloppende , riep hij uit : Waarlijk,
deze is de Zoon Gods! Hij deed zich door de
Apostelen onderwijzen in de leer des fiekruisten
en leidde voortaan een boetvaardig leven. —
Toen hij den ouderdom van SS jaren bereikt had,
ïetuigde hij het openlijk voor de rechtbank van
deu landvoogd Octavius , dat hij aan die zijde-
wondc des Heeren zijn geloof te danken had.
..Hoe heet gij?\'\' sprak de landvoogd. — „Ik beu
(») Luc. XIII. 24.
fe--------------------dÊ
-ocr page 86-
S-B
^ HO                                /.KV KNOK DAft.
Christen, zegde f.ouginu> ; want ik moet eerst ilie
genadegave verkondigen." — Hoe heet gij nog
meer? — I.onginus. — Zijt gij vrij man of slaaf? —
Toen antwoordde I.ongimis : Vroeger was ik een
slaaf der zonde; maar de genadige Heer Jezus
Christus heeft mij door het mysterie van zijn H.
Kruis en door het bloed en water zijner zijde
tweemaal vrijgemaakt : eerst door het water en
den H. Geest, en nu , zoo ik volhard , door liet
vergieten van mijn eigen bloed.. . . Mijn Meester
is een meester vol zachtheid, zuiverheid en liefde,
nederig en goed. Hij voert naar \'t eeuwige leven."—
Hat eeuwige leven werd hem spoedig gegeven
door den dood , en nu aaubidt hij in eeuwigheid
die gezegende hartewonde, waardoor hij zich
zelven en millioenen anderen ceuen weg ter heer-
lijkheid baande. C)
GEBED.
o Goddelijk Hart van .lezus , dat door woord
en voorbeeld ons hebt leeren bidden, oin over de
gevaren der bekoringen te zegevieren , geef gena-
diglijk, dat wij altijd biddeude mogen zijn en
de overvloedige vruchten van \'t gebed genieten.
T)ie leeft en heerseht in eeuwigheid. Amen.
—t&Ptc&^o -
(*) Vgl. Aeta Sanet. Holland, torn. 8. pag. 378.
-ocr page 87-
Achtste Dag.
Het tl. Hiirl. limii van Vrede.
t was kort vóór rijn dood,
— /.at onze Heer te midden zijner
leerlingen , en oj> Befdevollcii toon
sprak Hij liun toe : Ik laai u mijnen vrede,
Ik geef u mijnen vrede
, niet i/clijk tl e ire-
reld dien geeft, geef Ik u dien1).
Was
dit nu de vervulling van den heerlijken
wensch, dien de Engelen al jubelend aan
het menschdora hadden toegezongen, toen
de Heer als een Kind te Bethlehem werd
geboren ? Toen klonk door de onmetelijke
ruimte der lucht: Glorie aan God in den
hooge en vrede op aarde aan de menschen
van goeden wil !
Kort na zijne Verrijzenis
ii .loan. XIV, 27.
stond de
\'/.
ffe
-ocr page 88-
>>2                                       ACHTSTE »v(i.
Heer wederom in het midden der zijnen.
Toen geleek Hij nan de zachte duif, die
door Noë uitgezonden , terugkeerde , dra-
gcmlc het olijftakje des vrcdes. Zoo vcr-
sc.hecn nu de Heer, niet met liet zuine-
lict\'ld
d<\'s vrcdes in den mond, nniar met
den vrede zelf d|) de lippen, want Hij
zegde: Vrede /ij aan ulieden\')! Zou onze
Meer, wiens Hart zijne leerlingen zoozeer
beminde, hun iets beters hebben kunnen toe-
wcnsclien 1 Dan zou Hij het ongetwijfeld
gedaan hebben.
Kenigc jaren later schreef de II. I\'aulus,
ilie gliM\'ide van liefde en zich beroemde
de navolger te zijn van Christus, zijne
brieven; bijna altijd begint hij die met de
woorden: Vrede zij u van God, onzen
Vader.
In liet verloop drr tijden waren er tal-
loo/.e Heiligen, o. a. de II. I\'raneiscus van
Assisië en de II. Ignalius, die bij het
groeten altijd den vrede toewenschten.
Wanneer wij in eeue II. Mis tegenwoordig
zijn, zal de II. Kerk nooit nalaten ons de
woorden toe te stieren : lic rretle des lleereu
L) Luc. XXIV , 36.
Söo
-ocr page 89-
S3
WMTSI\'i: l)\\(i.
/.ij altijd , altijd met 11. Kil alvorens zij
voorgoed afscheid necinl van Imrc over-
lcdcuc kinderen , die onder liet lijkkleed
nisten of cp|i het punt zijn in liet koude
graf neergelaten te worden . - richt zij
nog op luiden toon dezen wensell tol hen :
Dat zij rusten in vrede!
Daar moet dus in dien vrede een goed
gelegen zijn , dal wij tot i:u toe daarin
misschien niet zochten. Zeer zeker, daar
ligt voor ons een schat in opgesloten, een
onwaardeerbare schat, die ons al de liefde
van Jezus\' II. Hart openbaart.
Toen Jezus op de wereld kwam en niet.
zijn liefdevol Hart de nieiiseheli beminde,
hoe beschouwde Hij toen liod en hoe den
inenscli "? Aan den eenen kant zag Hij ,
hoe liod, zijn Vader, op de menscheii
recht matig vertoornd was en in zijn toorn
den Hemel , het Paradijs , voor iedereen
gesloten hield. He boetvaardigheid van
Adam kon die poort des Hemels niet,
openen ; noch de heiligheid van een Noc,
noch het geloof van Abraham, noch het
geduld van Isaac, noch de deugden van
Jacoh of Duvid of Klizeüs, of van wie dan
é
-ocr page 90-
o ra -___________________________________rx?n:o
S I                                 ACHTSTE 1IAG.
ook konden de helooniug des Hemel» ont-
vaiigcii; die II. Mannen werden verwezen
tot het voorgeborgtc der hel, waar zij
wel niet ongelukkig waren, maar toeh
uitgesloten van het aanschouwen Gods.
Dat was treurig. De mensch mocht zijn
Ix\'st doen op allerlei manieren , hij mocht
den dood der rechtvaardigen sterven, de
Hemel was en Meet\' gesloten !
Hel II. Hart had medelijden met ons.
I\'as dan ook begon Hel ie kloppen in de
kribbe, of aanstonds liet Het door de Enge*
len van \'t Henielseh hol\' aan de wereld
verkondigen, dat weldra de vrede niet God
giiifr hersteld worden: Vrede op aarde
•len mcnsc.hen van goeden wille !
He vrede werd volkomen hersteld, Ux-n
de Heer op het doodsbed des kruises den
duivel verwon, en een laatste lanssteek in
zijn II. Hart liewczen had, dat zijn offer
voltrokken en het nienschdolii dus vrij
was van den vloek, die op hetzelve 400(1
jaren rustte en de poorten des I\'anidij/.es
gesloten hield, (lelijk weleer de regen-
boog aan Noë verkondigde, dat God de
aarde niei meer door water zou verdekten,
ik
c<ÜJt
-ocr page 91-
GÉF
Al IIIST1-, IIAC;
/.uu U-zitten nok wij thans i\'i\'ii teeken.
dat dr vrede met. God is hersteld, \'t Is
het Goddelijk Hart van Jezus, waar de
gerechtigheid en de vrede elkander ont-
inoetten\'i en waarvan de geopende wonde
ons zegt : Zoo /.eer heli Ik 11 , o mensch .
liefgehad, dat Ik om u den vrede te geven,
zelfs mijn Hart liet doorboren op hei
kruis. Want, zegt de II. Gyprianus, die
geopende zijde is als een zegel op den
brief onzer kwijtschelding. <•, welk een
zoete geur van vrede gaal er uit van die
II. Wondt ! On/.c Heer, zegt de II. Ani-
hrosius, is gelijk aan dien Ikh>iii der
woestijn , die, als zijne schors wordt ge-
kwetst, den üetelijksten ^enr iiitwasemt.
Zoo werd de zijde des lleercn gekwetst
aan het kruis, en, zi<\' geheel de wereld
wordt, vervuld van een aangenaineii geur,
die opstijgt tol voor den troon van God ,
en nan de wereld zegt, dat de vrede haar
is weergegeven.
Toen onze lieer op de wereld kwam .
hoc stond het. toen met den vrede der
niensehen onderling \'.\' haar was geen vrede.
ï) p«. 84, ::.
J
otte^"
-ocr page 92-
-----------------l^Qo
Sfi
geen helde meer op narde. Het recht
van den sterkste , tint was tic hoogste
wet ; een ïncnschenlcvcn Inzat geen \\viinr-
<lc ; koningen en meesters vergoten het
bloed hunner onderdnnen bij stroomen:
wniiik . bloedige wrnnk was geoorloofd .
ja eervol ; naastenliefde, och, men had
er geen begrip van! II , zegt de II. Gre-
gorius tle (iroote, wat wist de oude mensch
anders te doen, dan, ;ils hij kon een
andermans goed, mok vrouwen en kinde-
reni te stelen: of, kon hij zulks niet. /.e
dun Ie liegeereu\'? Onze Heer verweet
zulks aan tle 1\'hariseërs : uwe voorouder»
hebben u gezegd
(en gij beoefent dat): uwen
vriend :ull gij beminnen, maar uwen vijand
zult gij haten."
Wat een akelige toe-
stand, wat treurige samenleving!....
Zoo zou nog onze toestand zijn , zouder
de medelijdende liefde van Jezus\' II. Hart.
Wat gaf Het ons in de plaats 1 De
zoete leer tles vred.es, der liefde! «Mijne
» kinderen, zegde Mij, een nieuw gebod
« geel Ik n , dal gij elkander liefhebt en
>• vrede houdt onder elkander1). En als
Ij Mr. IX , W.
-ocr page 93-
Al IITM\'K DAG,
« gij i\'iii luiis zult binnentreden, zegt
» dan : vrede zij over dit huis en over al
•  zijne bewoners, lic ouden hebben uge-
» zegd : uwen vijand zult gij linten, maar
» Ik «eg u : doel wel aan die u haten ,
•  bidt voor die u vervolgen en vergcldl hel
\'kwade met goed; en alles wat gij aan den
» minste der mijnen gedaan licht, dat hehl
» gij aan Mij gedaan, licht elkander lief,
» alle goed aan elkander wenschende , en
» doende, wat gij aan u zclvcu doet en
» wenscht !" Aan die leering en aan de
.•voorbeelden door zijn II. Hart er hijge-
voegd, danken wij het nu, dat de geheele
wereld ile vruchten plukt van den heer-
lijken liooin der naastenliefde, die gewor-
teld is in het 11. Hart van Jezus, de eerste
en rijkste bron van vrede en liefde op
aarde.
Nog een andere vrede is er , dien wij
aan de liefde van het II. Hart danken :
\'t is de vrede met ons zelven , de gerust -
heid des harten. Die vrede gaat alle ge-
voel te hoven, zegt de 11. I\'aulus\'i en de
11. (leest getuigt, dat zulk eene gerustheid
I) Philip. IV, 7.
ïötlö
Q3F5"
-ocr page 94-
95
SIS                                    ACHTSTE DAO.
cm voortdurend vreugdemnal is1). De
zonde brengt onrust, en wroeging, zooals.
de II. (leest en de ondervinding getuigen:
diiiir is voor den goddelooze geen vrede*)!
Maar hebben wij dien vrede des harten
door de zonde verloren , waar hein terug
te vinden \'.\' In de stroomen , die aan de
geo|>endc zijde des lleeren ontvlieten : in
de HU. Sacramenten en nergens anders.
Zoo ontspruit alle vrede hier op aarde uit
het II. Hart. Het heeft ons door dien vrede
een onschatbare weldaad aangebracht, waar-
voor wij Hetzelve wel dankbaar mogen
zijn, en waarvan wij in alk.....uwiglieid
de vrachten nog hopen te genieten in het
rijk des eeuwigen vrede», dat ons bereid
is in den Hemel.
Voornemens.
I" Al het innerlijke doen , om <l<-u vrede mei
den evennaaste, met ons zelven, met (ïod te lx:-
koudeit of te herstellen.
2° Te dien einde alle liefde op de liefderijkste
wijze betoonen ; de doodzonden vermijden , wuut
„eoor tl f zoiidu.aix is er yerii vrede"
1) 1\'rov. XV, 15.
*) Isliïns. IK , 2->.
-ocr page 95-
m
VOORBEELD.
Wij lezen in \'t leven van den H. Frauciaciu
van Assisië: l)n;ir was eens een jcugdiir ridder
van hoogen huize getreden in de Orde der Kran-
ciscancu , die pus ontlook. In de wereld had hij
een leven geleid van weelde. (leen wonder dal
hein de eenvoudige kloosterkost smakeloos en
onverdraaglijk voorkwam. Hij besloot in de wereld
tcruï te keereu. Op zekeren inorzeu verlaat hij
/onder gerucht zijn eelletje . iraat naar de kapel
en stort een laatste gebed aan den voet van een
kruisbeeld. Daar verschijnt hem eensklaps de
Heer Jezus, vergezeld van zijne glorierijke Moeder
Maria. „Mijn zoon, zegt de beminnelijke \\ er-
losser, verzaakt gij dun aan uwen roep?" „Heer,
antwoordde de novice , dit leven is al te streng
voor mij." Zonder iets te zeggen , nam de Heer
een stuk zwart brood , doopte het in de wonde
der zijde en zegde : „ Eet. dit. brood." De novice
deed het en vond het brood nu overheerlijk. Het
visioen verdween en de jongeling trad welgemoed
zijne cel weer binnen. Telkens als hij nu in het
vervolg door den duivel bekoord werd, beschouwde
hij in den geest de liefderijke wonde van Jezus\'
H. Hart en aanstonds veranderden zijne kwellingen
in vertroosting, en de vrede zijns harten was
hersteld.
• IV Chérancé Vic de St. Franc. d\'Ass. (.\'hup. \\ IV).
m
-ocr page 96-
"*$
\'&
\'.III
ACHTSTE DAG,
GEBED.
u Goddelijk Hart van Jezus, o llron van uilen
vrede, stort die hemelsehe gave in mijn zondig
hnrt . dat door bekoringen en driften ireslimrerd
wordt. Help mij dat hart in vrede te bewaren.
zoo het ooit den vrede verliest , dien ZOO Spoedig
mogelijk te herstellen, — on in den Hemel den
vrede te bekomen . die ceuwis 2a] duren. Amen.
Jife
"öötts
-ocr page 97-
m>~
m^z*£*&8&
Negende Dag.
Il<-1 H. Hart cm ile II. Kerk.
ï,
llilde
HAM
lulu
I ii -1 >
^OJt^\'oA, de Schepper van alle dingen.
Hij 11:1111 eenc rililic vnn Adam en
vormde daaruit Eva, die de moeder werd
van alle levenden.
O. II. Jezus Christus sliep aan liet kruis
den slaap des doods. Zijn hoofd liin^r
voorover, zijn oog was gesloten, zijne
lippen loodkleurig, zijn lichaam koud.
Toen naderde Hem een soldaat, doorboorde
zijne zijde en bloed en water vloeiden er uit.
Wat zien de HM. Vaders hierin? Zie,
zegt de II. Augustinus, gelijk de ril>l>r
genomen is uit Adams zijde en daarvan
Eva weid gevormd, zon werd hier uit
\'sHeeren zijde de Kerk gevormd, die zijne
m
iy~
-ocr page 98-
02
NKOENDE DAO,
Bruid zon zijn zonder vlek of rimpel, en
de Moeder zou worden ulier levenden over
ilc geheelc aarde. « Dat de Bruidegom
zich verheffe op zijne legerstede, zegt hij.
Hij bestijgt; de plaats zijner ruste, dat Hij
inslape in den «loot!; laat zijne zijde ^e-
opend worden om doortocht te geven aan
de maagdelijke Kerk ; zoo kwam ook Kva
uit Adnm.s zijde, toen hij sliep1).
H. Kerk, o liefdevolle gave Wij uit-
ncmendheid, voortgekomen uit de zijde
des Heeren. hoe zullen wij u prijzen, hoc
aan \'t Goddelijk Hart, uwe Bron, genoeg*
zame dankbaarbeid toonen ! Wel rijk aan
liefde moet het, Hart zijn , dat zulke gave
weet te schenken !
Men deed eens
l\\
1\'
hel
voorstel, de II. Kerk toe te wijden aan
het H. Hart van Jezus. Z. II. wees dit
voorstel van de hand, met te zeggen.
dat. wel de geheelc wereld, maar niet de
H. Kerk aan het II. Hart behoefde toege*
wijd te worden , wijl de Kerk reeds in
eigendom aan Hetzelve toebehoort; zij was
er immers uit voortgekomen. De straal
1; De Symbolo. Ad Catochamenoa. Cup. V
i. ;
-ocr page 99-
\'J.\\
NKor.sm; K.Ki.
behoort n;in ilc /.on, Wiiariiil hij voort-
koint , de vracht aan den boom: zoo
U-hoort de Kerk aan \'1 II. Hart.
Neen, \'taardsche Paradijs is nog niet van
de wereld verdwenen ; wel dal Paradijs,
waar Adam en Eva leefden; maar door
<li\' Liefde van liet II. Hart is op aarde een
andere lusttuin ingericht, waarvan de toe-
gang voor allen openstaat; geen Cherubijn
met vlammend zwaard verspert den ingang,
z.ooals ile II. Ronavcntura zegt: «Zie, jre-
opend is de deur des l\'aradij/.es en door
de la\'ns van den soldaat is \'t vlammend
zwaard verwijderd."
Kat aardschc Paradijs is de II. Kerk.
Heerlijke stroomen besproeien hei mei
liet liliM\'d, dat ons vrijkocht en 0111 j;e-
nade riH:|)t tot den troon van God. Die
stroomen zijn de llll. Sacramenten. En
zie, besproeid door dat Bloed , brengt die
lusttuin de heerlijkste vruchten voort. Hier
groeien de leliën der maagden, die hij
duizenden de Kerk versieren ; daar bloeien
de palmen der ontelbare martelaren ; ginds
ontluiken de rozen van liefde , die de U--
lijders in hunne banden dragen; in één
ctte^
-ocr page 100-
16
\'M
M.iONlll\'. luis.
woord, ;illi\' deugden bloeien mi groeien er
en 111 ><icJijjrci 1 uit tut navolging. Daar is
jB.i\'11 onderscheid Viin pijkon i;n tinnen,
van slaven en vrijen, van grooten en klei-
tien ; neen, nlli 11 genieten *I«- vruchten van
dien tuin en worden er van verzadigd.
Wie hongert naar lecring, wordt gespijzigd
niet hel brood van hel woord Gods, dal
nooit ontbreekt en aan allen wordt iritgc-
dctc.ld ; wie dorst naar genade en wijsheid,
kan zich daar naar hartelust laven aan
de wateren des hcils.
Hoc zalig is het te leven in dat l\'ara-
dijs, de II. Kerk ! Wat is de \'wereld
daarbuiten\'? Kene woestijn, waar niets
groeit en waar het koud is voor de ziel ,
die naar liefde haakt. Zie hen , die
buiten (lat Paradijs ronddolen, \'t Zijn of
wel heidenen, die de behoeften huns harten
aan liefde en medelijden zoeken te voldoen
niet troost en httl|i te vragen aan heelden
van hout en steen , — ol\' wel \'t zijn ver-
lil inden , die ineenen te zien en toch niet
zien , en al hun troost moeten zoeken in
een vervalsehten, verminkten bijbel; zij
gelijken aan wolken, die gedreven worden
-ocr page 101-
-1205
pp
95
NKGKNDK DAG.
door uilen wind, nu rechts, dan links,
altijd in beweging , nooit in rust.
Miuir in de ware Kerk, de Kerk vim
Jezus\' II. Harl".\' Daar spreken Petrus en
zijne opvolgers met onfeilbaar gezag; zij
beslissen , en wij, wij zijn iïerust, omdat
wij weten , <lal de II. (!<\'est spreekt door
liunnen mond.
Van de wieg tot aan liet graf, ja tot,
aim geuc zijde des grnfs, spreidt die Kerk
de vleugelen harcr liefde uit over hare
kinderen. Het kind reeds zegent zij ; zij
onderwijst het ; zij geleidt het aan de hand
door het leven; zij sluit ons de oogeu als
\'t uur van sterven daar is, zij liidl , zij
waakt, zij troost , zij heurt op, /.ij berispt
en vermaant, zij straft ook met liefde;
en heeft de dood ons doen overgaan tot
een ander leven , dan nog zal zij voor ons
hiddeu en doen bidden ; zij beveelt nog ,
dat de aarde gezegend worde, waarin wij
voor altijd sluimeren zullen , en als laatste
bewijs harer teederheid plaatst zij het kruis
op ons graf, om ons te beschermen tot
aan den grooten oordeelsdag.
Maai- die Kerk heeft vele vijanden ; zij
-ocr page 102-
9(1                                XMSKNDK PAO.
doen hun bes!, om dat Paradijs van de
aarde te doen verdwijnen ; zij zijn machtig
«•n talrijk. Kn als zij slagen, wal blijft
er dun van deze liefdegave van Jezus\' II.
Hart*? (leen nood. Ook hiervoor hoeft
Jezus\' liefde gezorgd : de Kerk , die uit
zijn Hart voortkwam, zou onvergankelijk
zijn. Neen, de weldaden, die ons van
de II. Kerk toevloeien, l\'en dooi\' de II. Kerk
van Jezus Hart) zullen nooit ontbreken!
Zijn woord is ons ten waarborg: Ik ben
inrl ii lul aan hel einde der lijden !
Vreest
niet, de vijanden der Kerk zijn machtig,
maar sterker is de liefde van Jezus\' Harl
voor zijne getrouwe Bruid. Toen die Kerk
nog maar een klein vonkje was, konden
de hevigste vervolgingen het niet uithlus-
schen, zegt de II. JoannesChrysostomos1);
hoc dan nu, nu dat vonkje is aangegroeid
tot een vuur, dat de geheele wereld ont-
vlauid heeft ".\' Ken teeder plantje konden
zij niet vertreden, veel minder zullen zij
een lusthof kunnen vernietigen, diegansch
de aarde overdekt. Wel misschien kunnen
de herhaalde pogingen harer vijanden een
1) Sermo antequain in exilium iret.
-ocr page 103-
porto
CU-
NKGEJJDE DAO.
hoekje van dien lusttuin verwoesten, inis-
seinen zelfs een groot gedeelte, maar toch,
/.on /.egt diezelfde Heilige1), al hestond de
Kerk ook nog slechts uit één geloovige,
locli zou ze nog onoverwinnelijk en onvcr-
giuikelijk zijn.
Die Kerk, dieonvergankelijke, onlcilUire
Kerk. die Moeder, die zoo bezorgd is
voor liet heil onzer zielen, zij kwam voort
I uit Jezus\' II. Hart ; en onze zielen kunnen
dat H. Ihirt nooit genoegzamen d;uik duur-
voor hetuigen. Muur ook-op onze lidiatnen
vloeiden die weldaden neer ! Vrouw, wat
zoudt gij zijn , zoo niet Jezus\' II. Iluri voor
o de II. Kerk gesticht had \'.\' Eene slavin,
erne vcrslootelinge , eene uitgcworpcnc uit
de maatschappij en de samenleving. —
Mail, wat zoudt gij zijn zonder die liefde
vim Jezus\' II. Hart? Misschien waart gij
dun in uwe jeugd weggeworpen voor de
wilde dieren , gelijk zoovele duizenden
kinderen in China en andere afgodische
landen; en zoo dut uw lot niet geweest
was , gij zoudt een heiden zijn, verzonken
in ui de ondeugden van wreedheid en
1) Ibid.
ötj
-ocr page 104-
NEliEXnE DAO.
wellust,, aan \'t heidendom eigen. Dienst-
boden , wilt zoudt gij zijn ? Slaven , die
niet als redelijke schepselen Gods, maar als
het verachtelijke vee behandeld werden ;
dat ware uw toestand zonder die H. Kerk,
uit Jezus\' Hart geboren ; want van haar
slechts leerden de meesters hunne dienst-
bodcn als gelijken te behandelen, van haar
leerde de man zijne vrouw beminnen als
een deel van zich zelven ; en leerden de
moeders hare kinderen waardeeren als
onschatbare geschenken des Hemels.
Wat zegt gij dan van die liefde van
Jezus\' H. Hart, waarmede Het zulke gaven
weet te schenken\'? o II. Hart, wees
eeuwig geloofd en geprezen, dat uwe
liefde zulk een Paradijs op aarde heeft
aangebracht; maar ook wijl Gij onsonver\'
diend geroepen hebt om het t« bewonen
en ons alzoo geplaatst hebt in het eenige
voorportaal van dat andere Paradijs, waar
wij eeuwig uwe liefde zullen kunnen aan-
bidden en danken.
Voornemens.
1. Bidden voor de uitbreiding der H. Kerk.
3. De geboden der II. Kerk iiiiiigaande\\asten-en
-ocr page 105-
:F^
NEGENDE DAG.                            \'J!l
onthoudingsdagen, het Mis hooien en Zondag-vie-
ren allcrstiptst onderhouden en doen onderbonden.
3. Zoo mogelijk door aalmoezen meewerken
tot de uitbreiding der Kerk.
VOORBEELD (1).
In \'t leven der Gelukzalige Reconigi, Domini-
laucs, wordt verhaald, dat /ij dikwijls dit woord
van den Koninklijken Profeet David in den mond
had : „ Schep, o God, in mij een zuiper hart"
Zij herhaalde al weenend die woorden zoo dikwijls,
dat onze Heer haar reneneen , en haar langen
tijd onderhield over verschillende geheimen , die
Hij haar openbaarde. Toen zegde Hij : „ Ik wil
,, uwe verlangens vervullen." Hij opende nu de
zijde der Zalige, nam haar hart daaruit, zuiverde
het, en stelde het weder op zijne plaats, na er
deze drie woorden ingegrift te hebben : „ Jezus ,
,, mijne hoop." Tot driemaal toe herhaalde de
Heer dit wonder. Eens zelfs hield hij dat hait
eenigen tijd bij zich zonder het terug te geven.
.Maar eindelijk verscheen de Heer haar opnieuw,
plaatste niet zijne rechterhand haar hart wederom
op zijne natuurlijke plaats en zegde haar : ,, Gij
,. weet, mijne welbeminde Bruid, dat Ik de eeu-
„ wigc Wijsheid ben, die alle dingen uit niets
,, gemaakt heb , en dat Ik naar mijne verkiezing
., het hart van mijne vrienden kan maken en
(1) Vies des Saintes et. bienh. tillcs de 1\'ordre
de St. Dominique t. I. liv. 2. c. 0. p. 133 — 435.
-ocr page 106-
m
cx»rrp
100
KKGKMDK DAO.
.. vermaken. Nu geef Ik n uw hart terug, dat
„ gij Mij zoo dikwijls hebt opgedragen en toegc-
., wijd : /ie, \'t is mi schooner, zuiverder, vuriger
„dan ouit ti\' voren."— o God, gr.hepook in ons
een nieuw en zuiver hart!
GEBED.
O aaubiddclijk Hart van .Jezus, "ij danken I
voor de liefde, die V ingaf de H. Kerk te stichten.
Hervorm onze harten, opdat wij getrouwe kinderen
zijn dier Kerk . welke l" zoo nauw aan \'t harte
ligt en tot welke Gij ons door eeue goedheid, die
wij niet verdienden, geroepen hebt. o Goddelijk
Hart, bescherm de Kerk en haar zichtbaar Opper-
hool\'d. jIcu l\'aus met alle Biaschoppen en Priesters.
Amen.
-ocr page 107-
^g
Tiende Dag.
Hel II. Hiirl en de HM. Sacramenten.
RrciiTBAKE stroomen doorsneden
weleer hei iiiirdseh l\'aradijs in alle
richtingen; zij onderhielden daar
de frischheid der lente in :il liarc schoon-
lieid. Die stroomen zijn voorafbeeldingen
van de IIII. Saciinnenten. o Gaven van
Jezus\' II. Hart! o Bewijzen zijner liefde!
ledere druppel van het kostbaar Bloed, dat
gij bevat, getuigt het luide: zie, hoezeer
Jezus\' 11. Hart den mensch beminde !
Daar was in ons leven een dag, dat
wij, nog onbewust van alles, op de armen
onzer dierbaren ter kerke werden gedragen.
CkkIs oog wendde zich toen van ons af;
want Hij zag zijn eigendom , geschapen
tl
6UÏ
-ocr page 108-
102                                 TIKMIK IIAfi.
naar /.ijn l>ecld en gelijkenis, in de macht
des duivels; de duivel beerschte in onze
ziel jils op zijn troon. Doch daar vloeide
door de hand des priesters het water over
ons hoofd: de duivel vluchtte. God daalde
neder in onze ziel, de ketenen der erfzonde
werden verbroken, de vlek van Adam uit-
gewischt; Engelen omringden ons, en wij,
die ;ils kinderen van gramschap ter kerke
waren gedragen, wij keerden als kindereu
des vredes en der zegening huiswaarts.
Wat heeft die verandering teweeggebracht"!
De liefde van Jezus" 11. Hart. Toen dat Hart
doorboord werd aan het kruis, vloeiden
daaruit bloed en water, ter afbeelding, zeg-
gen de 1111. Vaders, van dat water, \'t welk
in het Doopsel over ons hoofd vloeit ; maar
ook ter afbeelding van dat Moed, \'t welk
tegelijkertijd onze zielen zuivert van alle
vlek der erfzonde. Het II. Hart had deer-
nis met onze arme zielen in slavernij, en zie,
het //. Doopsd was het geneesmiddel, dat
zijne liefde Hem ingaf.
Met de heiltgmakende genade daalde ook
de nooit jieiKH\'y; gewaardeerde schat van
geloof, van hoop en van liefde in onze ziel.
-ocr page 109-
oprè\\3
TIKNDK PAG.                                  103
Toen werd de kiem daarvan gelegd, inal-
wachting, dat zij zou opschieten en vruch-
ten dragen.
Miiiir stormen /.ouden die kiem trachten
te vernietigen , bekoringen /.ouden het ont-
luikend en opkomend geloot met ondergang
bedreigen. (leen nood. De liefde van Jezus\'
H. Hart kende het middel, om zulks te
voorkomen. Hij gat\' ons het //. Xorm&el,
en hiermede de volheid des II. Geestes,
die met zijne gaven nederdaalt en de ziel
vooral sterkte geeft, om het geloof als een
kostbaren schat tegen alle aanvallen te ver-
dedigen. Daarom zegt de groote II. Thomas :
« Uit het overvolle Hart van Christus vloeit
» de olie aller genade tot behoud der ziet\')."\'
En die olie voedt, verlicht en versterkt.
bc II. Franciscus van Sak-s, de beminne-
lijkste der latere Heiligen, zegt: « Decommu-
• niebank en de biechtstoel zijn geschenken
»> van Jezus\'li. Hart.\'* Zou het waar zijn".\'
Maakt zich die beminnelijke Heilige hier
niet aan ecne godvruchtige overdrijving
schuldig? Wat de II. Communie betreft,
daar zal niemand aan twijfelen ; maar de
1) S. \'l\'hom. Aq. Opuse. de SS. Sacr.
cöEC
OjlSTJ
-ocr page 110-
0
Qt>.~ -óp
o
r
104 TIENDE DAG.
Biecht i lic lliccht ecii geschenk van Jezus\'
liefderijk Hart? De biechtstoel, die ons
J
afschrikt, eene gave zijner liefde? On-
mogelijk !
(lij, die zoo spreekt, zijl ;rij ren zon-
ilaar of een rechtvaardige \'.\' Ken van heiden.
Zijt of waart gij zondaar, herinner 11 dan
eens dal ongelukkig oogenblik, dat de
duivel weer bezit genomen had van uwe
ziel en de hel met al hare verschrikkingen
al gapende voor u openstond. Angst en
onrusten wroeging was in uw hart. Waar
rust te vinden? (lij zocht ze misschien in
de vermaken der wereld. - liij vondtzc
niet. Toen kwam een hooge feestdag; —
i*n godvruchtig menschclijk opzicht,-.tc-
yn-lijk met uw berouw , dreef u naar den
biechtstoel, daar kuicldet gij neer.....
Wien vondt gij daar ? Den plaatsbekleedcr
van llcm . die zegde : Komt allen lol Mij
die Maxi en beladen :ijt, en II, :-al u ver-
kwikken ; —
- den vertegenwoordiger van
Hem, die aan eene overspelige Samaritaan-
sche vergiffenis schonk, van Hein, die eene
onteerde Magdalciui ontving, van Hem,
die at en dronk niet zondaars, die tot
-ocr page 111-
0
rv- c<5r
[9
4 , z=
3
TIKSIIK l>\\G. KI.)
chic zondige vrouw zoo liefdevol zegde :
Ik z;il ii niet veroordeeld! , ;ra en wil
voortaan niet meer zondigen, — van Mem,
die aan Petrus vergiffenis schonk en voor
een stervenden moordenaar de poorten van
het Paradijs opende, van Hem , die
steeds sprak van medelijden jegens den
zondaar, van Hein, aan wiens Hart de
ziel roerende parabelen ontwelden van een
verloren zoon, van een verloren schaapje,
van een zoekgeraakt geldstuk. Diens plaats-
liekleeder vondt gij in de stilte en in de
duisternis van den biechtstoel. . . . t\'iij lie-
leedt uwc schuld, hij sprak u moed in ;
gij vrocgt vergeving ; hij hiel\' zijne hand
op, en scheppend in de milde bron van
Jezus\' II. Mart., wiesch hij uwc ziel met
Goddelijk Moed; wat de hcele wereld u
niet geven kon: rust en vrede, dat gal\'
u een enkel woord : Ik ontsla u van uwe
zonden. Verlicht stondt gij op; jjij waart
een ander meiiseh geworden , de hel was
gesloten en God verzoend. Zeg ons, was
voor u de llieeht geen weldaad , «reen
liefdebcwijs van Jezus\' II. Hart, waarin zij
3
f
ontstond \'.\' Wat zij voor u was, dat was
">
r
"f r
1
o
joj c^u
0
-ocr page 112-
ÊK.-------------------------^
HH>                                      TIENDE 1> K >..
zij voor millioenen anderen : een redplank
iin de schipbreuk.
Doch , gij waart misschien een recht-
vnardige; misschien behoort gij tot de
gelukkigen, die nooit hunne onschuld ver-
loren. tiod geve het! Maar ook dan was
de biechtstoel voor n een geschenk van
Jezus\' II. Hart. Waar, na de II. Com-
munic, vondt gij ooit zooveel sterkte in
bekoringen , zooveel troost in liet lijden .
zooveel opwekking tot deugd".\' ,1a, het
Provinciaal Concilie van Utrecht aarzelt
niet te zeggen, dat al het goede, wat in
de II. Kerk gevonden wordt, in stand
wordt gehouden door het H. Sacrament der
Biecht. Vraag het aan duizenden Zaligen,
die er hunne zaligheid aan danken ; vraag
het aan inilliocnen verdoemden , die hel
versmaadden ; het gejuich der eenen , eu
het gejammer , de spijt der anderen zullen
u zeggen , wat weldaad Jezus\' liefde ons
\'bewezen heeft niet het II. Sacrament der
Biecht té schenken.
Wat te zeggen van het //. Oliesel\'.\'
De uitgestrektheid van dat liefdeliewijs
zullen wij eerst ten volle begrijpen als wii,
|_.__1_:j
-ocr page 113-
c£P---------------------------------—
TfEXDE DAG.                          10t
klam van liet doodzweet, door duizend
angsten benauwd, op ons doodbed liggend,
den lnatsten snik en - n vrcczc! - liet
oordeel Gods verwachten. Als dan du
priester, — /.elf\'eene weldaad van Jezus\'
II. Hart, - onze leden zalft, hij onze
sponde biddend neerknielt , den balsem
zijner vertroostende en bemoedigende woor-
den in onze /.iel stort, o, dan zullen wij
het aan den vrede, die in ons heerseht
bemerken, dal Jezus\' II. Hart ons beminde,
toen Het ons dit II. Sacrament schonk.
En het Hu wel ijk\'.\' o God, wat zon de
samenleving zijn zonder dit II. Sacrament\'!
Eene hel hier op aarde, gevolgd door eene
hel hiernamaals. Wat zon er geworden
van de opvoeding der kinderen ? Hoe zon
het mogelijk zijn , zonder de genaden van
dit II. Sacrament, in liefde en vrede te
leven? Hoe zouden de duizenden lasten en
plichten, aan den huwelijksstaat verbonden,
kunnen gedragen worden\'.\'
Kn zoo de liefde van Jr/.us* II. Hart ons
geen Priesterschap gegeven had , wie zou
ons onze zonden vergeven, wie het Hoog*
beilig (Hier der Mis opdragen , wie ons
Uils/J                                                         -?.Uo
-ocr page 114-
*%
Hit*                                      TIKNOE l»AO,
leuren,\' <>n< troosten, <>ns geleiden en lie-
moedigen"?
Genoeg, o II. Ifsirt, genoeg! Heli (hink
voor die vruchtbare stroomen van uw II.
Moed , die den tuin uwer II. Kerk be-
spmeien . <\'ii overal nieuw leven, nieuwe
arociknichi en nieuwe vruchten doen ver-
selnjnen !
Voornemens.
1" Hit II. Hart voor do instelling der H.
Snera inenten bedanken.
.\'° Ze ontvangen met allen eerbied, waartoe
wij in staat zijn, en, /oi> mogelijk, uaii onderen
de ucrooto weldood er van doen inzien.
VOORBEELD.
Wat liefde liet ontvangen der HH. Sacramenten
in \'t hart der Heiligen teweegbracht , kan de H.
Asrni\'s ons leeren. De zoon des stadhouders van
Uome donj; naar de liand der edele en sehoone
maagd. Hij bood haar ten bruidschat goud, pare-
len , edele stecnen en kostbare kleederen, en be-
loofdo haar hel vansehe erfgoed van zijnen vader.
Maar de Maagd verwierp alles en zeide : „Laat
at\' van mij , irij spijze des doods . nooit kan ik
de uwe worden, want ik hen reeds aan een ander
verloofd I" Teleurgesteld antwoordde de jongeling:
„ Gij zijl non zoo jong, en gij zoudt reeds verloofd
ÖU
t/i                                                                                               <Aj
-ocr page 115-
r
zijn\':\' Dal geloof ik nooit. Kn iil ware Jil zoo,
ben ik niet do zoon van don eerste na den keizer ?
Wie waagt het niet mij naar dezelfde bruid te
staan: Wie durft zich met mij vergelijken in
afkomst, schoonheid on rijkdom\':" Agncs werd
verstoord bij deze woorden on begon baren hemel*
schen Bruidegom en zijne voortreffelijkheid Ie
prijzen. „Schoon . zeide zij, is mijn Bruidegom .
veel sehooner dan alle sterfelijke jongelingen.
Hij is als melk en bloed , nnnvnllig en heerlijk.
Over zijne schoonheid staat de zoime verwonderd
rn de maan is verstomd. Mijn Beminde is waar-
lijk van hoogc afkomst. Zijne Moeder is cene
Maand en zijn Vader kent geeae vrouw. Hoe
machtig is mijn Bruidegom ; voor Hem sidderen
de vorsten en do Engelen dienen Hem, de hemel
is zijn troon en de aarde de voetbank zijner voeten.
AI.- Hij de bergen aanraakt, dan rooken zij: dreigt
Hij de zee. dan leggen zich de schuimende gohen
te raste; zijn adem geneest de zieken, ziju woord
wekt de dooden o]> tot bet loven. Spreek mij niet
van rijkdom: alleen mijn Beminde is rijk: Hem
belmoren de kostbaarheden der narde en de schat*
ten der zee ; van Hein is nl het goird der bergen,
de parelen der vloeden , en alle cdelsteeuen van
den opgang der zon tot aan den ondergang.
Alleen mijn Bruidegom bezit ware innige liefde,
want niemand kan hartelijker en trouwer beminnen
dan Hij. Alles gaf Hij voor zijne arme bruid.
Ter liefde van Mij beeft Hij de viengde des Hemels
&
-ocr page 116-
m>2----------------------------------^m
110                        TIKMIK DAG).
opgeofferd en zelfs zijn leven auli den bilterstcn
«lood overgegeven. Zie, met een gouden ring
heeft Hij zich aan mij verloofd. Hij looit mij
o» met prachtige gewaden , welke kostbaarder
zijn dun die welke de dochters der koningen
dragen. Ik heb reeds het prachtige bruidskleed
van schitterende zijde ; Hij heelt mij omkleed met
cenen broeden gordel van gond ; mijne ooien zijn
behangen met onschatbare jnwcelcn, mijn hals
met parelen en mijne handen met sieraden en
om mijn hoofd is een onverwelkbarc bruidkrans
gevlochten. Nog grootere schatten heeft Hij mij
vertoond, en die alle zal Hij mij geven zoo ik
Hem getrouw blijf. Hoe zou ik zulk cenen Brui-
deirom kunnen verlaten, met wien ik voor eenwig
door trouwe liefde verecnigd ben P" Zoo loofde
de H. Agnes vol geestdrift haren Bruidcïom en
tflondc een hart te hebben vol liefde voor dat
Hart , dat haar het eerste beminde.
iHugues. Levens en daden van Gods Heiligen
21 Januari.)
GEBED.
o H. Hart des Hcercn , o Bron , waaraan de
HH. Sacramenten ontviocid zijn, geef, dat wij de
waarde dier weldaden beseffende , ons zelvcn dik-
wijls laven en wasschen aan die heilrijke stroo-
nien , opdat wij, gewasschcu door uw Bloed , o
Goddelijk J,am , de eeuwige vreugden mogen ge-
nieten. Amen.
--------it—t »-f - «-------
-ocr page 117-
Elfde Dag.
Het H. Hart ra het H. Misoffer.
riK kont niet de Navolging van.\'
bChristus door Thomas a Kempis \\\'
Ken schooner bock , de II. Schrift
uitgezonderd, liestaat er niet. Het werd
samengesteld nu bijna 4(X) jaar geleden,
en het handschrift, door Thomas /.elf ge-
schreven, bestaat nog. Maar daarenboven
zijn duizenden en millioenen afdrukken
daarvan over de wereld verspreid in alle
landen , in steden en dorpen, in hutten
en in paleizen. Als ik nu vrucht wil.
trekken uit de leering, die dat boek
licvat, is het dan noodig, dat ik het
handschrift, door Thomas zelf geschreven,
aandachtig lees ? Gelukkig neen ; want
dat is ver van hier; maar een afdruk is
even goed ; die is in mijne nabijheid , de
oUiys
-ocr page 118-
I 12                                   ELFDE I>.\\<[.
leering is juist dezelfde, dezelfde vruchten
kan ik er uit trekken en op hetzelfde
oogcnhlik kunnen duizenden en duizenden
hetzelfde voordeel genieten.
Zoo is li<-t ook niet de weldaad welke
Jezus\' liefderijk Mart ons geschonken heefl
in hei II. Misoffer. Kcns stierf Hij voor
ons\' aan liet Kruis, toen duizend wonden
zijn gezegend Lichaam bedekten en Hij
zijnen geest aan zijnen Vader aanbeval.
Toen werd de duivel overwonnen; hel
menschdom was verlost; de vloek in zegen
veiiuiderd; stroomen van genaden gin-
gen van l\'.alvarië over de wereld, en zalig
zij , die gewasschen werden in het Bloed
van liet Lam , dat, voor onze zonden ge-
slachtollerd is van het begin der wereld
al\'. Doch wij waren daarbij niet tegen-
woordig en /.ij, die na ons komen /.uilen ,
zijn er nog verder van verwijderd. Zullen
wij nu niet deelachtig worden aan de
vruchten van die oneindig heilige Slachtoi-
lerandc van Calvarië\'? Zullen wij niet hc-
sproeid worden niet het Bloed van het Lam,
dat ile zonden der wereld wegneemt\'> \\\'
li Albiin StuU. Die H. Elisabetb. s. 88.
-ocr page 119-
KI.FDE DAG.                                  113
Uank zij aan Jezus\'liefderijk Hart! Even-
als mi iedereen kan plakken vanden boom,
dien de vrome Thomas a Kempis door
zijn boekje geplant heeft, evenzoo kunnen
ook wij uu genieten van de vruchten des
Krnises : want zie, wat Jezus op bloedige
wijze op C.iilvarië deed, dat vernieuwt
Hij duizenden malen daags op onbloedige
wijze in de H. .Mis. o Onwaardeerbare
weldaad , o onseliatbare gave, waartoe
stelt gij ons in staat !
\'t Is voor ons , inenschen , een strenge
plicht God te aanbidden en te danken.
Dien plicht gevoelt iedere mensch in zijn
eigen hart ; zóó zelfs, dat de mensch, die
den waren God niet kent, zich nederwerpt
voor hout en steen en die aanbidt. Maat-
hoe dien plicht op waardige wijze te ver-
vullen \'.\' Uit ons zelven zijn wij stol\' en
asch, nietige schepselen en daarenboven
vol zonden en gebreken. Al waren wij
Engelen, al waren wij in verdiensten gelijk
13
aan de allerh. .Maagd Maria, dan nog zou
onze aanbidding en dankzegging niet zijn,
wat ze zijn moest ; want geen schepsel
kan den Oneindige vereeren, gelijk Hij
•t>Lk\'-                                                               txiUd
-ocr page 120-
114                              II.HIK D.Mi
het verdient. Doch de liefde van Jezus\'
II. Hart stelt er ons toe instaat Hij plaatst
zich in ilc II. .Mis in on/.c handen ; Hij
draagt zich daar voor onze zonden opaan
den Vader; Hij, (iod en inenseh tegel ij k ,
Hij bidt in onze plaats en geelt aan God
de eer, die wij niet geven kunnen : onein-
tligc eer , aanbidding en dankzegging.
Kok voldoening voor onze zonden zijn
wij aan God verschuldigd. Wij hebben
Gods oneindige eer gekrenkt ; wij hebben
liij Hem eenc onmetelijke schuld aangegaan,
en wij hebben volstrekt niets om ze te be-
talen. Toch cischt. God in zijne recht vaar-
digheid voldoening. Arme inenseh! Tot
den laalsten penning moet gij voldoen, en
gij hebt niets om te lietalen , niets om
de hel ui\' liet vagevuur , die u wachten ,
te sluiten !
Dat zou aldus zijn zonder de liefde van
Jezus\' II. Hart! Maar zie, in het H. Mis-
ofl\'er stelt Hij zich in onze plaats; zijne
eigene verdiensten past Hij op ons toe;
Hij draagt zich op aan den Vader als een
oll\'er van goeden geur, Hij smeekt voor
ons niet luid geroep en onder tranen, Hij
-ocr page 121-
oncvj___________:_________________üftfl\'
KI,KOK DAO.                                  115
hecht , als \'t \\v:ire , opnieuw den schuld-
brief, die tegen ons getuigt, aan zijn kruis,
Hij biedt zijnen Vader den prijs aan van
zijn vergoten bloed, zijne doorgestane smar-
ten, zijn allerpijiilijkstcn dood en.....
Gods gekrenkte eer is hersteld, Gods toom,
die straffend op ons ging neerkomen, is
bedaard ; barmhartigheid en rechtvaardig*
lieid zijn verzoend en geven elkander den
kus van vrede in Christus Jezus, onzen
Middelaar !
Talrijk zijn onze behoeften op deze
wereld ; bet lichaam heelt er \'vele, de
ziel nog meer. Moe zullen wij de genaden
ter zaligheid noodig verkrijgen\'.\' [Ietstaat
ons vrij ze aan God te vragen. .Maar zal
ons gebed doordringen tot /.ijnoor? \'t Is
zulks niet waardig, want bet iszooonvol-
maakt en komt uit zoo zondige harten.
Schep moed , o zondige mensch ! Jezus\'
II. Hart beeft gezorgd, dat gij bij God
verhooring vinden zult; want in de II. Mis
is Hij niet alleen een dank- en zoenoffer,
maar ook een tmeekoffer, dat altijd ver-
booring vindt. Onze Heer zegde zelf:
« Vader, Ik wist, dal (lij Mij altijd ver-
XO
-ocr page 122-
m.---------------------;----&
116                                Kl.Ult DAO.
« Itoorl\')," eu de II. Geest getuigt van
Hein : « 0/« :•//«(! eerbiedigheid jegens God,
om zijne gehoorzame onderwerping :i;m
den wil zijns Vaders, » //(/\' verhoord ge-
worden*)."
Daar, in hel II. Misoffer, bidt nu Jezus\'
H. Hart voor ons, en .... duizenden ge-
naden stroomen nis een weldoende regen
op ons neer. Het liitlt .... en zelfs tijde-
hjkc gunsten worden ons in overvloed ge-
schonken. Hel bidt .... en (Ie duivelen
worden verjaagd , de bekoringen vermin-
derd of weggenomen, zieken herstellen,
deugden bloeien op, de II. Kerk breidt
zich uit, zondaars bekeeren zich, erger-
nissen worden weggenomen , zielen uit het
vagevuur verlost; in één woord, alle gunsten
en genaden naar ziel en lichaam worden
ons gegeven, omdat Deze voor ons bidt, die
zonder /.oude is en waardig is bij God ver-
hooring te vinden om zijne eerbiedigheid.
Is dan het H. Misoffer niet eene weldaad,
die alleen kon voortkomen uit een Hart,
dat van liefde overvloeit\'! Moeten wij het
1)    .luis XI. 42.
2)    Hebr. V. 7.
fa.ll\'. -\'                                                                                c^Eïfa
-ocr page 123-
ofVvp_______________________________________--yp\\\'
EI.POE DAG.                               1 1 7
dan ook niet als eene ondankbaarheid en
als een onherstelbaar verlies betreuren,
dat wij zoovele 1111. Missen , die wij zoo
gemakkelijk hadden kunnen bijwonen,
verzuimden? Ja, als wij wisten, dat er
aan het uiteinde der aarde één priester
was, die éénmaal slechts die II. Offerande
kmi opdragen, zou ons leven niet goed
besteed zijn, zoo wij het geheel en al
gebruikten, om naar die plaats te reizen,
ten einde ten minste eenmaal in ons leven
hij zulk een Hoogheilig Offer tegenwoordig
te kunnen zijn \'? K.n nu , uu wij zoovele
priesters in onze nabijheid hebben, nu er
dagelijks zoovele 1111. .Missen gelezen worden,
uu is eene geringe moeite, eene vermeende
tijdelijke schade, eene nietige ongesteld-
lieid, ja een ijdel vermaak dikwerf genoeg,
om ons de II. Mis 1e doen verzuimen ! . . .
IJ , beseften wij het wel , wat weldaad
het II. Hart van Jezus ons door dit 11.
Offer doet! He boosheid der wereld is
groot, grooter wellicht dan ten tijde des
zondvloeds; zonder dat Offer zou misschien
sinds lang de wereld vergaan zijn door
het vuur ; maar de 11. Mis houdt dm
-\\.H
-ocr page 124-
on, -______________"/jl"n°
1 IH                                         KI.KIiK DAO,
stnilVciiilcii iirin (\'inils tegen, rn \'t is een
algemeen gevoelen, tint liet eerste werk van
den Antichrist, liij hel einde der tijden,
zijn zal, dit II. Oll\'er in de wereld te
doen ophouden. (>|> dit Offer zouden Gods
woorden l>ij ls;iï;ts kunnen worden toege-
past : Ik hel» gezworen, zegt de Heer.
dal Ik over de aarde niet meer vertoornd
zal worden, wanl liergen en heuvelen
/.uilen mijne Gerechtigheid id. i. Jezus
Christus) dragen.
Voornemens.
1° I il dankbaarheid voer ie weldaad der II.
Mis er een veelvuldig gebraik van maken.
1" De H. Mis zoo aandachtig rn eerbiedig
mogelijk bijwonen en ons vereenigeu met het
Ofler van lof, dunk , verzoening en uneeking,
\'t welk het H. Hnrt daar opdraagt.
VOORBEELD.
I\'. Bnrke verhaalt in zijne preek over He Ver-
borgen lleiligeu ra,i Ierland
het Volgende :
Ik bevond mij op de westkust des eiland*, te
midden van mijn volk, toen het den Almachtigen
God behaagde zijne laatste en vreeselijkste beproe-
ving over ons los te laten; de Engel van hongera-
nood en sterfte tloeg de vleugelen uit en een don-
:5-
-<?.Uo
-ocr page 125-
KI,HIK DAG.                            110
kcre schaduw viel over het land. ... c> God, om
uwe barmhartigheid , laat mij nooit meer zulke
dingen zien vóór mijn dood ! ... .
0]> een [mar mijlen afstand» van Galwav woon-
de eene vrouw, die eiken eersten Zondag van iedere
maand tot de H. Tafel ping. Toen de hongersnood
kwam, was zij al op jaren. Hare oudere zonen waren
heengegaan , om werk te zoeken. Nu leefde zij
alleen met haar jongste kind, een kti:<:>t> van 14
jaar. i)e nood steeg zoo hoog, dat het kind om
brood schreide en de moeder niets meer te geven
had. Zij zag hem wegteren voor hare oogep , —
/ij had niets, er was niets, en de jongen lei hel
hoofd tegen de horst zijner moeder en stierf. Zij
was zoo uitgeput van honger, en de baren
woonden zoo ver, dat zij niemand kou gaan roe-
pcu om haar kind te begraven. Twee dagen
lag het lijk op den grond en zij er naast stervend
van smarte . stervend vim hongeren dorst. Op
den morgen van den derden dag, hoort zij de
klok luiden voor de II. Mis; \'t was Zondag. Op
handen en voeten kruipt zij uit hare hul . den
weg op naar de kapel eene mijl verre. Dricmn-
len bezweek zij onder den weg. Medelijdende
voorbijgangers zetten haar met den rug tegen een
heg en gaven haar uit de beek te drinken. Zij
stond op , en al viel ze telkens , zij kroop voort
en kwam eindelijk zoo dieht bij de kapel, dat zij
door de geopende deur den priester kon zien aan
\'t altaar bij de opdracht der II. Geheimen. Toen
SXfe                                                         c<?|Jo
-ocr page 126-
120                            Ki.riiK iiac.
sloesr zij hare oogen en banden ten hemel en riep
uit : Eeuwigen lof aan den gezcgendcn Zoon der
Maagd ! Daarop zonk ze ineen en stierf. Toeu
het volk uit de Mis kwam , vonden zij liet lijk
der vrouw, wier laatste poging geweest was te
kruipen unar het altaar, dal God de bce hater
stervende lippen mocht verhooren. |\\V. v. Nieuwen-
hot\'. Vijl\' Levensschetsen, p. 2")0 en vin.)
GEBED.
o Liefdevol Hart van Jezus, dat ons in \'t H.
Sacrificie der Mis in staat gesteld hebt aan God
waardige hulde te brengen, geef, dat wij de uit-
gestrekthcid di°r weldaad beseffende, dagelijks
overvloediger deelachtig worden aan de genaden ,
die Gij door dit middel aan \'t mensrhdoin wilt
doen toekomen. Wij vragen het V door de voor-
spraak van Maria.
-ocr page 127-
Twaalfde Dag.
Het H. Hart en de H. Communie.
Lok heerlijk bloeide in het aardsche
ji55i*S l\'aradijs de lioora des Levens!
Wijd zal hij zijne nikken hebben
uitgespreid , als wilde hij aan de geheele
aarde zijne vrucht, die onsterfelijk maakte,
toereiken. Zulk een hooni des levens,
maar veel edeler en gemakkelijker te be-
reiken, verheft zich ook in den lusthof
der 11. Kerk. \'t Is de H. Communie, die
eeuwig, onvergankelijk leven geeft aan de
zielen, gelijk de eerste aan de lichamen.
Wie zal naar waarde beschrijven , wat
weldaad het II. Hart van Jezus ons met
die gave geschonken heelt".\' Hier, hier
heeft zijne liefde de uiterste grens bereikt.
Daaraan dacht de II. Augustinus, toen
"JE
öUi/-
-ocr page 128-
o*.
^gp
TWAAI.rUE I1ACI,
hij in bewondering uitriep: Jezus Christus
is almachtig, maar iets grootcrs geven
kon Hij niet; Hij is oneindig wijs, maar
iels beters kende Hij niet ; Mij is oneindig
rijk, maar gruoter goed hczat\'IIij niet1\').
En de eerbiedwaardige Kerkvergadering
van Tivnte lievestigt die uitspraak niet
Goddelijk gezag, als /.ij zegt : « Wanneer
» onze Zaligmaker nit deze wereld naar
>• zijnen Vader zon gaan, stelde Hij dit
» IL Sacrament in, waarin Hij de schatten
" zijner Goddelijke liefde «/* uitgestort
» heeft\'*)."
Wat heelt Jezus Christus ons dan ge-
geven, toen Mij stralend van liefde neerzat
in liet midden der zijnen en op plcchtigen
toon den Vader dankte, het brood zegende,
en zijnen Apostelen overgaf, zeggende:
Neemt en eet f
Ik geel\' n een nieuw geliod , Ik geef tl
mijnen vrede, had Hij kort te voren ge-
zegd; maar nu 1 Nu geelt Hij aan hen
en aan ons iirh zdven ! Zich zelven geheel
en al , met zijne naiilmldclijkc God-
1> S. Aujr. tr. si ia Jorin.
2) (\'onc. \'I\'rid. Se»». XII [. ( up. II.„ relulefinlUr
É
^U-0
MJc.i
-ocr page 129-
m----------------     — fB
TWAALFDE DAG.                            133
lieid , met zijne allerheiligste Mcnschheid ,
niet zijn maagdelijk Lichaam, met zijne
goddelijke Ziel! < O," zegt de 11. Joannes
(\'.lirysostdiniis, • hocvelen zijn er, die zeg-
•> •ren : ik zou Jezus Christus willen zien .
•  zijn gelaat iinnschouwen , zijue klccderen
• aanraken, zijn schoeisel kussen! Maar
»gij ziel Hein, gij raakt Hem aan , «rij
» nuttigt Hem.... Wat de Engelen al
»lievcnd beschouwen, ja, waarnaar zij
» niet durven opzien wegens den verlilin*
•  denden lichtglans, die het uitstraalt,
» diuirniede worden wij gevoed en vereenigd
» tot één liehuiiui en één vleeseh. Waar
•  is de herder, die zijne schapen voedt
» met zijn eigen liloed ".\' Wilt zeg ik : een
«herder".\' Zelfs vele moeders geven hare
•  kinderen attu anderen ter voeding! Niet
» zoo onze Heer; want zijn eigen Woed
"geelt Hij ons tot sterkenden drank1)."
Wie onzer heelt zijne naaste l>etrekkin-
gen niet lief, een vader, eene moeder,
een kind".\' Bemint ze zooveel gij wilt.
hecht ii aan hen niet alle mogelijke teeder-
beid ; maar altijd aan hunne zijde blijven,
li Hom. lil) ad ponnl. Antioeh.
nJo
oü"-\'
-ocr page 130-
W2
rjm
meer Jiin eens uw leven geven voor hen,
die trij lielhelit, dal kunt irij niet. /e bij
il inlijven, ze doen leven van UW leven,
uwe kracht in hen doen overgaan, \'t is
eeiu\' onmogelijkheid , zelfs voor eene moe-
dei-! Onmogelijk voor iedere andere liefde,
niet voor de liefde van Jezus\' II. Hart.
Nader tot de II. Tafel , neem en eet , en
onder de gedaante van brood komt het
l.ieliaiun en Bloed , de ziel, de Godheid
van Jezus Christus in u en leeft in u,
zoodat <rij zeggen kunt: niet ik leef, maar
Christus leeft in mij\').
In welke omstandigheden gaf Hij ons
die liefdegave der II. Communie? Hij
deed gelijk een stervende moeder, die
met lievende hand aan hare kinderen een
laatste gedachtenis uitreikt. Welke waarde
wordt daaraan niet gehecht! \'t Was de
vooravond van zijn bitter lijden, de laatste
maaltijd, dien Hij nemen zou. (tok Judas
was daar. Jezus doorschouwde diens hart.
tot op den bodem : Hij zap; daar de plan-
nen van verraad ; Hij wist , dat die ziel
1) Gul. II. 14. vgl. P. Monsabré: senuon. «ut
li\' S. (\'<rur.
k
b Ufya
-ocr page 131-
TWAALFDE DAO.                                     l\'-\'-\'i
ti ii afgrond van bederf was, waarin Hij
zou moeten neerdalen. Toch gaf Hij zich
/elven tot spijs. — Petrus zal Hem dien-
zelfden nacht verloochenen; de andere
Apostelen zullen als kat\' voor den wind
uiteen stuiven hij het minste gevaar; —
Phariseërs en Schriftgeleerden waakten;
koorden , lantaarnen , stokken en /.waar-
den werden in gereedheid gebracht, -
Jezus zag dat niet zijn alziend oog. Toch
schonk Hij zich en met de meeste liefde !
Geheel de wereld zag Hij op dat oogen-
blik verzonken in afgoderij en zedeloos-
heid; in de toekomst voorzag Hij , dat
Hij nog duizend en duizendinalen zou moe-
ten neerdalen in de harten van nieuwe
Judassen, en dat Hij zou worden neerge-
legd op tongen , die kort te voren nog
God lasterden of door onzedige taal bezoe-
deld werden. Schrikte dat alles Hem niet
af? Neen, neen, Hij gal\'zich zelven tot
sterkte der zwakken , tot onderpand, ten
borg onzer eeuwige glorie ; en dat niet op
ééne plaats der aarde of aan zijne Apos-
telen alleen, ook niet alleen aan den Paus,
zijn plaatsbeklecder, ol\' slechts aan Heili-
-ocr page 132-
i27-------------                    -----------SSQ3
lL\'0                                    l\'WAAl.l\'IIK ll.lfi.
f
Kon ; neen . overal waiir zich een tal)er-
nsikel zal bevinden en een priester, die
lui opent, dasir gecfl Hij zijn Lichaam
tot spijs, zijn Bloed tot drank, ten be-
wjj/.e, dat Hij ons bemint, met onverjre-
lijkclijKc liefde.
Nog verder gaal Hij. Niet alleen tundigt
Hij mis minzaam uil, om deel te nemen
aan dien II. Maaltijd ; maar zijne liefde
dwing! ons, Hij dreigt ons met eeuwige
stratten , zoo wij zijn II. Lichaam en Hoed
niet nuttigen, o God , was het dan niet
genoeg , ons toe te staan l\' te ontvangen,
en moesten wij niet in vrede kunnen
sterven, zoo wij l eens in ons leven ont-
vmigen mochten \\\' Neen , wanl zijne liefde
weet. welke behoefte wij aan Hem hebben.
Kemnaal zelfs herhaalde Hij zesmaal het
(ieltod , die II. spijze te nuttigen : Indien
gij hel Yleesrli rttn den Zoon des Menxrhen
niet eel
, :nll gij hel leren in u niet lui>-
ben
\' l.
Wat is de mensch, dat Gij hem gedach-
tig zijt\'ï, zoo h:\'d llavid tot God. Wat
Il .luis. VI. 54.
8) P«. VIII. :».
fe--                   zm
-ocr page 133-
o rrdo_____________________.____ n
TWAALFDE DAO                              ]21
zou die grooto Koning gezegd heblien, als
Hij eens had kunnen zien, dut diezelfde
God eenmaal naar de aarde /.on afdalen
en zich /.elven tien ïnensch tot spijs
geven"? Zonde Hij zijne schoonste psalmen
niet. heliben doen klinken , om de liefde
ie verheerlijken , die zulke weldaden in-
gaf? Maar zon hij ook zijne vreesolijksto
vervloekingen\'I niet. hebben uitgesproken
tegen de ondankbaren, en och, hoe
talrijk zijn ze ! - die weigeren hun Hein-
en God te ontvangen , of indien zij Hem
ontvalijzen, Hein tneerbcleedieren daneeren,
en zoo de liefde miskennen en verijdelen ,
waarmede Hij zich gewaardigt tot ons te
komen \'.\'
En waartoe komt Hij \'.\' Om ons te
troosten ; want, zoo zegt de 11. Kerk : Ken
hemelsch Hrood hebt Gij bun gegeven,
een Hrood dat alle genoegens in zich bevat ;
om ons te. sterken in den strijd tegen
duivel, wereld en vleesch; want het is
het. ltrood der sterken en de Wijn , die
maagden voortbrengt; om ons onsterfelijk
te maken en eeuwige glorie te doen ge-
1) Vgl. Ps. 48.
-ocr page 134-
_______________                            g/ano
I2S                             TWAALFDE DAG.
nieten, want : die Mij eet, uil om Mij
leren
, zegt Jezus /.elf. Kn als na het alge-
ineen Oordeel onze lichamen niet onze
zielen vereenigd /.uilen zijn en /.ij deelen
in dezer onsterfelijkheid en glorie, \\vaar-
aan zullen zij dan die onsterfelijkheid
danken ".\' Aan die goddelijke spijze , die
onwaardeerbare weldaad, waarvan de 11.
Kerk zingt: o II. Gastmaal, waar Christus
genuttigd, zijn lijden herdacht , de ziel
met genade vervuld , en ons een onder-
pand der toekomstige glorie gegeven
wordt!
Voornemens.
1° Zoo dikwijl» als het ons door den bestierder
onzer ziel wordt toegelaten , naderen tot de H.
Tafel.
2° Alle zorg besteden aan de voorbereiding
en dankzegging.
3° Het H. Hart bedanken voor die onwnar-
derrbnre gave van liefde.
VOORBEELD.
Ite laatste Preek va,i Pater Barkc.
De beroemde Iersche Dominicaan, P. T. Burke,
was aan het einde zijner dagen. Op een avond
-ocr page 135-
TWAALFDE DAO.                               1 .".\'
was hij zoo uitgcpul , dat tol lul laatste oogen-
hlik toe , preeken onmogelijk schoen. Toen hij
evenwel vernam, <lnt de kerk vol was en de
mensehen hem verwachtten , overwon hij zijne
zwakheid. Op den kansel gekomen , moest hij
zieh vasthouden aan den rand. Bijgekomen stortte
hij nu geheel zijne ziel uit in eeue roerende op-
wekkingtot geloof in en liefde voor \'til. Sacrament.
„O," zegde hij , „ tot in het uur des doods komt
.lezns in de H. Teerspijze om onze zielen tot zieh
te nemen : dan ïaat hel lichaam geheiliird ten
grave, om er Ie blijven tot den laatsten dag,
wanneer Jezus zeil\' komt om het op te wekken
en te drukken aan zijn H. Bart." Toen hield
«1c redenaar op. Na eene pooze ging hij voort:
„Zijn er hier tegenwoordig , die ons geloot\' niet
dcelcn in dit aanbiddciijk geheim ? Is er een
ten minster Welnu, laat Ulij hem sleehls dit
nog zeggen. Geef, bid ik u, acht op hetgeen wij
lezen in het 14\'e hoofdstuk van den II. Matthens :
De leerlingen waren midden op zee in een schip,
door de golven geslingerd. In de duisternis van
den nacht zagen zij een witte, lichtende gedaante
wandelen op het water. Niet een van hen kon
onderscheiden, dat het de Heer was, en zij waren
vol vrees. Toen sprak Hij tot hen : Ik ben hel.
vreest niet. En de moedige , minnende Petros
riep uit: Heer, indien gij het zijl, gebied mij
tot 1\' te komen. Eu Jezus zeide : kom. Kn
Petrus wierp zieh uit het schip en wandelde op
\'t
m
/c/j
-ocr page 136-
130                           TWAALFDE DAG.
ilc golven naar Jezus heen.— Nu, binnen weinige
uogcnblikken zult gij de lichten ïicn branden op
het altaar; cene witte, lichtende gedaante, van
stralen omringd, /al worden opgeheven, en al wie
gelooft, zal aanbidden. En gij, al wat ik van
u vraag, is, dat gij Petrus\' woord nazegt : Heer,
indien Gij het zijt , roep mij , en gebied mij tot
I te komen. En als gij dan de zoete stem van
Jezus in uw hart verneemt, die u zegt: Ik ben
bel , kom , — o, stel dan niet uit. Werp u met
Petrus op de wateren en haast u neer te knielen
aan den voet van uwen gezagenden Heer. Hij
zal ii boven houden, uwe schreden ondersteunen,
de golven van twijfel en bekoring doen stollen
onder uw voel ; en gij zult gelooven en zijne
wezenlijke tegenwoordigheid aanbidden gelijk l\'e-
trus, en opgenomen worden bij zijne trouwe kudde
op aarde en in zijne glorie in den Hemel."
Ecne Protestantschc Dame had dien avond
enkel uit nieuwsgierigheid de godsdienstoefening
bijgewoond. Wat zij meende te zien ouder den
zegen met het Allerheiligste maakte zoo gewcldi-
gen indruk op haar , dat zij de kerk verliet met
een vast en onwankelbaar geloof in de wezenlijke
tegenwoordigheid. Aanstonds liet zij zich onder-
richten en werd weldra opgenomen in de Katho-
licke kerk. (Vgl. \\Y. v. Nienwenhof. Vijf levens-
schetsen.)
-ocr page 137-
cg^
18]
T« AAI.l\'DK DM;.
6EBKD
det 11. Kerk.
Geel\', o Gud. dat wij vervuld worden met do
eeuwige genieting uwer Godheid , waarvan het
tegenwoordig ontvangen van uw kostbaar Lichaam
in lilocd eene voorafbeelding i>. Die leeft en
beerschl in eeuwigheid. Amen.
Aan het heilig, goddelijk, aanbiddelijl; Halt.
van Jezus, het heiligste, beminnelijkste, het
ecnigst aanbiddelijke aller halten, zij ccr, lot\', dank
betoond in de uansehe wereld, op de volmaaktste
wijze, met de vurigste gevoelens, door alle Behep-
selen, gedurende alle eeuwen, in alle eeuwigheid.
Amen.
[cyj
-ocr page 138-
Dertiende Dag.
Het II. Hart en de H. Teerspijze.
I ^iS^ ns stervensuur! NVi»-
uuvert niet.
Jjr«jfe^iils hij iiuii die beslissende stonde
denkt\'.\' Wij moger zondaars zijn
of rechtvaardigen, dat uur is voor iederen
inenscli een uur van vrees en lienauwdlieid.
\'t Is van dit uur, dat David ons de l>e-
srhrijving geelt, als hij zegt: « De pijnen
des doods omringden mij; de stroomen
der zonde brachten mij in verwarring; de
strikken des doods hchhen mij omvat1)."
Het verledene, het tegenwoordige, het
toekomstige, alles, alles zal samenspannen,
om ons te beangstigen ; de duivel zal zijne
pogingen vt-rduitlieten, om ons in zijne
netten te verstrikken , wel wetende , dat
1> P». .XVII. 6. Sc.,,,.
üo
o.»
-ocr page 139-
DERTIENDE DAli.                           Wi
wij voor eeuwig -ijn eigendom, o| liet
eigendom van God worden. o Heer, kom
ons te hulp in dut verschrikkelijk oogen-
lilik ; red ons , wij vergaan !
Wees gerust, christelijke ziel. Jezus\'
liefde waakt over u. Zijn medelijdend Hart
weet, dat de nood, waarin gij u bevinden
/.nlt, groot is; gij zult Hein aanroepen ten
dage uwer kwelling, en Hij /.al tot u
neerdalen , om in die duistere oogenMik-
ken uw licht, in dien heeten strijd uw
bijstand, in die smarten uwe vcrkwik-
king, in dien nood van /.iel en lichaam
uwe hulp te /.ijn.
« Komt allen tot Mij, die lielast en hela-
den /.ijt M," zoo sprak Hij eertijds en spreekt
Mij nop; in \'t II. Sacrament, .Maar, Heer,
zoo mogen wij Hein vragen , hoe zal een
stervende zieke tot l\' komen om verkwik-
king hij U te vinden\'? o Liefde zijns
Harten ! Hij zeil\' /.al tot den zieke komen ;
jiednigen door de hand des Priesters, ver-
horden onder diens kleed treedt Hij de
woning des zieken binnen, terwijl Hij door
den mond des Priesters zegt : « Vrede zij
I) Mt. XI. :.\'*.
%_____________________________&
-ocr page 140-
£g^-_______________________^Jg
134                            UEKTIENDE UACi.
over dit luiis en over allen, die net bewo-
ncn." Nu mag ,|;it huis ecu nederig hutje
zijn ui een armoedig zolderkamertje of een
dompige kelder, toch nadert Hij tot de
onzindelijke liedden der armen en vervult
Hij lui woord van den Profeet Dnvid:
Voor mijne oogen hebt Gij een maaltijd
bereid tegen hen, die mij kwellen1), o
Liefde ! o Nederigheid!
Waar zijn op aarde de kouiugen, die
zich zoozeer vernederen zullen, dat zij
tot een armen zieke gaan, als deze niet
tot hen kan komen , om zijn nood te kla-
gen ".\' lieeds veel is het , zoo zij ook aan
hun milisten onderdaan goedgunstig ge-
hoor verleeneii in hun puleis ; maar Uit
hem gaan . hem bezoeken en troosten in
zijne ziekte, dat is ongehoord! Zoo handelt
nochtans Jezus, gedreven door de liefde
zijns Harten.
Spoedig is het aan den zieke te zien,
dat de Heer niet tevergeefs genoemd
wordt: « de God van alk vertroost int)."1)
Rust en verkwikking schenkt Hij aan de
1) Hs. XXII. ti.
•1) 2 Cor. I. :!.
-ocr page 141-
l>I i: 111 Nl>l hm.
ziel , Hij verzacht haar inwendig lijden,
bemoedigt haar door een zoet vertrouwen
op de Goddelijke Rarinhartigheid en geeft
haar kracht en genade. om in die laatste
uren nog \'veel van \'t verictkMie goed te
maken, en door gclied en gedukl nog
veel te verdienen voor de toekomst.
«o Heilzame Offerande," zoo zingt de II.
Kerk, «dij opent de deur des Kerneis;
• zie, de vijanden dringen van alle kanten
» op ons aan ; geel\' ons kracht tegen hen :
» kom ons te hulp\')." In die laatste, ure
zal ons de waarheid dier woorden blijken
en die bede niet onverhoord blijven. tin-
gelukkige /.iel des mensehen, zoo gij in
dien laatsten stond alleen gelaten werdt !
Hoc zoudt gij bestand zijn tegen den dui-
vel met zijne duizenden listen en lagen\'.\'
Ach, tijdens uwe gezonde dagen waart
gij zoo zwak , dat gij bijna geen duivel
noodig hadt, om u te bekoren, gij zondig-
det reeds uit eigene zwakheid ; hoe zult gij
uu staande blijven 1 Leve Jezus en zijne
li o Salutaiis hoslia ,
(Juae i\'Oeli pnndis ostimti ;
Bdla preniiiDt hostilin ,
Da robiir. Ier nnxiliaui.
-«U-0
-ocr page 142-
f
^
18fi
IIEBTIF.HDE DAU.
liefde! \\\\ at tic ziel uit zich zelve niet
kun , (hit zal zij kunnen door de knicht
Gods; want Mij die den duivel over-
won n|i het kruis, Hij voor wien de ge-
hcele hel gedwongen de knie\'liuigl . als
zijn iiiiiini wordt uitgesproken, Hij komt
tot de /.iel, om haar steun en hiire kracht
te zijn. Xu mag de ziel gerustclijk den
duivel tartend uitdagen en met Ihivid uit-
mepen : « Al stonden er heirlegers tegen
» mij op. mijn hart /.iil niet vreezen1),
»omdat tlij, Heere, met mij zijt-\'i;" want,
/.(Ki /.egt de H. .lomines (\'.lirvsostonius,
» ;ils .le/.us Christus in ons is, dan gelij-
» ken wij op vuurspuwende leeuwen, die
« den duivel niet schrik en ontzetting
» vervullen1!."
II. Teerspijze of Reisspijze wordt deze
liefdevolle gave van .le/.us\' II. Hart genoemd.
Ja , dat is zij ! Zij sterkt ons op de reis
van den tijd naar de eeuwigheid ; zij geelt
ons kracht om den berg te bestijgen,
waarop het heinclseh Jeruzalem gehouwd,
l.i I\'s. XXVI. 24.
aj i\'s. xxii. 4.
:\\ Hom. til ik) popul. Antioch.
>t?Uó
<y=
-ocr page 143-
-fffi
137
IC.-
IIKK TIKMH\'. DAG.
is. ii Gelukkig uur, waarop nuk ons vcr-
gund zal worden den God der hemelen
van aanschijn tol nanschijn te aanschouwen!
o Blijde stond . waarop wij geroepen zul-
len worden tot de eeuwige Bruiloft van
het Lam zonder vlek!
Maar /.uilen wij dal geluk ooit smaken ?
Mijne ziel, nieuwe vrceze vervult u ; want
(rij denkt aan het oordeel, het schrikkelijk
oordeel, dat u wacht. (lij zuil gewogen
worden, en zult jrij niet te licht zijn \'.\' o
Schrikkelijke onzekerheid !
Bewonder hier de liefde van Jezus\' II.
Hart ! Hij komt tot de ziel, om haat-
te sterken, te bemoedigen, Ie geleiden op
den weg, dien zij moet afleggen. Hij
zegt haar als \'t ware : < Wat vreest gij ,
• o ziel"? Zie, Ik, die u oordeclen moet,
» Ik kom tot u om u te troosten. Wat
i\'hebt gij te vreezen"? Ik, uw Hechter,
» bemin u, Ik geef Mij aan u, Ik wil uwe
ii laatste spijze zijn. Wat zijt (rij dan
» kleimnoedig ?"
Kn zie, de ziel wordt hekleed met de
verdiensten van Jezus Christus, Gods
eenigen Zoon; nu mag zij gerustelijk voor
m
&tn
-ocr page 144-
138                             DKKTIEKDE DAG.
den rechterstoel van God verschijnen ; Je-
zus Christus zul hare verdediging op zich
nemen en de Vader zal vergeven ter wille
der verdiensten van zijn eenigen Zoon;
•  want," zegt de II. Kerk, «in dit II. Gast-
•  maal wordt Christus genuttigd en aan
» on- een onderpand . een waarborg ge-
» geven der eeuwige glorie !"
Wat kunnen wij doen om zeker aan die
weldaad van Jezus\' II. Hart deelachtig te
worden \'? Reeds gedurende dit leven dat
allerminzaanist Hart vereeren en navolgen ;
want Jezus heelt aan de zalige. Marga-
reta Maria lielootd, dat zij, die eene staml-
vastige godsvrucht tot zijn II. Hart hebben
betoond , deze wereld niet zullen verlaten,
zonder eerst hunne llll. Sacramenten ontvan-
gen te hebben.
o Goddelijk Hart, van ganseher harte
dank voor zooveel medelijdende liefde !
Sluit ons op in uwe II. Wonde; daar zijn
wij veilig als Noë in zijne ark ; daar zul-
len wij den zondvloed ontkomen; want
uw Hart is eene ark des bebouds. Uwe
liefde heeft daarin eene deur gemaakt;
door die deur . die de. wonde is van UW
-ocr page 145-
UKKIIt.Mll: DAG.                           139
Hart, hopen wij binnen te inden in de
vreugde der Engelen en Heiligen, om I
daar eeuwig voor uwc liefde te (Luiken !
Voornemens.
lu Het II. Hart bedanken voor zijne vindiug*
rijke liefde , die ons tot \'t laatste uur uog ver-
gezelt.
2" Het H. Hart bidden , dal wij niet sterven
mogen zonder de II. Teerspijze ontvangen te hebben.
3» Bid voor al degenen . die lieden in dood-
stiijd zullen komen.
VOOBBEELD.
In\'t teven van don H. Frauciscus vanSales wordt
verhaald , dat onder al de bezigheden der H. lïedie-
ning er cene bijzonder dierbaar aan zijn hart was,
nl. het brengen van de H. Communie aan zieken.
Dewijl het in het land van ( hablais niet geoor-
loot\'d was , het H. Sacrament openlijk te dragen,
deed hij het ia eene zilveren doos . die hij uit-
sluitend daarvoor had laten vervaardigen ; deze
hing hij met een keten van \'t zelfde metaal om
zijn hals , wikkelde zieh in zijnen mantel en be-
gaf zieh naar het huis van den zieke met een
erustig gelaat , eene ingetogen houding . zonder
iemand te groeten, alleen bezig met zijn God en
Zaligmaker, dien hij het geluk had te dragen.
Hun vertoonde zieh het vunr zijns harten op zijn
•ello
-ocr page 146-
m
gelaal . dut vlammend scheen uls \'t gelaat van
een Cherubijn : ,.0 mijn Verlosser", zeidc hij,
., hcersch in het midden uwer vijanden." Dikwijls
ook bracht hem de liefde deze woorden op de
lippen : ,, Mijn Welbeminde is hij mij . Hij rast
„aan mijn boezem. L)c musch vindt een toevlucht,
,, en de tortel een nest voor hare jongen; o Ko-
.. ningin des Hemels . hoe komt het dan toch, dat
„UW Goddelijke Zoon mijne horst tot rustplaats
„verkozen heeft!" Het smartte hem hij/onder,
verplicht te zijn , dit Sacrament van liefde
voor de blikken der menschen te verbergen
maar om het gemis vnii openlijk eerbetoon ecnigs-
zins te vergoeden , had hij de geloovigen gewaar*
sehuwd. dat. wanneer men hem diep ernstig,
zonder iemand te groeten en gewikkeld in zijn
mantel over straal zag gaan , dat dit ecu teeken
was. dat hij dei God van majesteit droeg: zij
moesten dan alles verlaten en hem van verre
volgen , zonder iets aan de ketters te doen gissen.
Zij deden het inderdaad , begaven zieh in stilte
naar het huis van den zieke en daar aan hunne
godsvrucht den vrijen loop latende , boden zij
.lezus Christus de vurigste cerbewijzingen aan.
(Hamon. Vie de St. Kr. de Sales.»
Op gelijke wijze wordt in bijna geheel
Nederland het H. Sacrament naar de zieken
gebracht. Als we dan weten of aan den pries-
ter kunnen bespeuren, dat hij Otu Heer draagt,
laat ons dan grooten eerbied betooncu , ophouden
~\\ï\\To
o-U\'
-ocr page 147-
°Q.*"
&
UI
IIKIITIKNDK I1AI.
met spreken , Jezus Christus eerbiedig groeten
iluur hel hoofd te onthliioten ol\' te zeugen : Ge-
lool\'il zij Jezus Christus!
G Kil EI).
o Goddelijk Hart ran Jezus, Gij hebt ons in
uwe liefile het Allerh. Sacrament gegeven, opdat
wij daardoor gevoed zouden worden in dit le\\en
en gesterkt in den dood ; o geef , dnt wij door
een veelvuldig gebruik vim die hemelsein\' Spijze
ons zeken waardig maken ze in volmaakte go-
steltenis te ontvangen in \'t uur van onzen dood,
en dat wij zoo , gevoed niet uw kostbaar \\ leeseh
en Bloed, gerustelijk liet vreeselijk oordeel mogen
afwachten. Amen.
-ocr page 148-
Veertiende Dag.
HM H. Harl in \'t H. Sacrament onder
ons verblijvende.
die stille
eenvoudig
en verlaten
Tabernakel\'.\'
aast gij in
"kerk dat
Ken flikkerend lichtje brandt er.
Stilte heerscht rondom, (leen sterveling
knielt neer. Buiten woelt en beweegt zich
alles. In de huizen der grootcn gaat en
komt men. — Bevindt zich dun wel iemand
in die kerk\'.\'....
.la , daar woont iemand , liij wien
vergeleken , de rijkste en meest vereerde
koning dezer aarde, slechts een geringe
dienaar is. \'t Is daar in dien tempel, die
ons verlaten toeschijnt, niet eenzaam; neen,
als de oogen onzer ziel konden opengaan,
«ij zouden daar eene ontelbare bof houding
vun hemelsche geesten zien, die aanbiddend
-*H
-ocr page 149-
VEKRTIKXDK DAG.                          148
liggen neergeknield, zich het aangezicht
met hunne vleugelen bedekken en onop-
hnudclijk hun jinVlend : Heilig, Heilig,
Heilig herhalen.
Wie is daar dan tegenwoordig ? Jezus
Christus, met Godheid en Menschheid, niet
/.iel en lichaam , gelijk Hij verheerlijkt in
den Hemel is !
Jezus Christus onder ons tegenwoordig?
Jezus Christus dag en nacht hij ons onder
zoo nederige gedaante ? En waarvoor\'?
o Vereerder van Jezus\' II. Hart, waarom
verwondert gij u * Wat kan u nog be-
vreemden en wal inoogt gij niet verwachten,
nadat gij weet , dat de II. Geest omtrent
Jezus Christus heeft doen neerschrijven :
•< Daar Hij de zijnen beminde , heelt Hij
» hen bemind tot het einde\'t; -- en dat
de II. Alphonsns en vele andere Heiligen
zeggen, dat de Heer Jezus als dwaas
geworden is van liefde tot ons"? Ja, wel
groot moest zijne liefde zijn otn zoo onder
ons te willen verblijven! Hier hebben wij
eene liefdegave zijns Harten bij uitnemend-
heid en \'t mag ons niet verwonderen, dat
1) Jois, XI11. 1.
-ocr page 150-
ffl^TT-------------------:-----------------^
J-U                          VEERTrEKDE DAG.
di\' miskenning dier gave zooveel droef-
heid aan \'t H. H:it-t veroorzaakt, gelijk
Het zelf getuigde.
Is Hij niet de Koning der eeuwige glorie,
wiens licht de zalen «les Hemels vervult 1
Is de schoonheid van zijne 11. Menschheid
niet zoo groot, dat duizend millioeiien
Engelen en Heiligen daardoor voor eeuwig
gelukkig zijn".\' Waarom is Hij hier dan
onder zoo nederige gedaante \'.\' o Mensch,
uit liefde tot u. Zoudt gij, die een zon-
daar zijt, het wagen eene kerk binnen te
treden, waar gij wist dat uw Hechter in
vollen luister zetelde\'? Hij, die zich in
zijn sterfelijk leven ontdeed van zijne glorie
en zich den kinderen en zondaars aller-
iniiizaamst betoonde, Hij wilde zich ook
hier ontdoen van allen luister, om u niet
af te schrikken en allen tot zijnen troon
te zien naderen.
Maar is het mogelijk, dat die groote God
daar voortdurend tegenwoordig is\'? Aan-
bidden en bewonderen wij ! Zoo groot is
Jezus\' liefde, dat Hij voor de grootste
wonderen niet terugschrikt, om mogelijk
te maken, dat Hij, de God van Hemel en
6                                                                                                                4)
-ocr page 151-
r
1 t:>
VEERTIENDE l>A(i
narde, ouder ons kunne verblijven. Wat
in geen menschelijk lirein ooit zou zijn
opgekomen, het kwam op in zijn liefderijk
Hart. Zijne almacht vereend met zijne-
liefde bracht het wonder tot stand , dat
wij met de II. Kerk gelooven en belijden,
als wij zeggen : Geloofd en gedankt zij te
allen tijde Jezus Christus in het II. Sacra-
inent des Altaars.
Wel meent het oog daar brood te zien,
maar \'t is slechts schijn, geen \\vcrkelijk-
heid : ieder deeltje, hoe gering ook, beval
geheel dat aanliiddelijk Lichaam ; niet op
ééne plaats is Hij tegenwoordig, maar waar
een altaar zich verhel! en een priester het.
U-stijgt . op duizenden plaatsen te gelijk ,
daar is Jezus Christus, o Wonder boven
alle wonder! o Mirakel ürootcr dan de
verandering van water in wijn te Cana ,
grooter dan de opwekking van Lazarus
of de vermenigvuldiging van brooden! Ja,
zegt de II. Thomas, dit wonder is \'t
grootste mirakel des Heeren1)!
W\'at gal\' aan \'t Goddelijk Hart die won-
•»
deren van vernedering en almacht in
l) S. Thom. Aq. lu ii[insc. 57.
cxjliLb
-ocr page 152-
^ffl
146                          VKKKTIKM1K DAG,
Zijne liefde. Wel voorzag Het, dat de
ondankbaarheid der raenschen uit,die won*
derl>are liefde aanleiding zou nemen, om
liet op de grievendste wijze te belecdigcn;
toch wil Het onder ons wonen, toch lijftb
Het de woorden herhalen: «\'t Is mijn ge*
« noegen met de kinderen der menschen
» te zijn\')." Wie telt de zonden, bedreven
in zijne heilige tegenwoordigheid \'! Wie telt
de gruwelen, hegaan in de onmiddellijke
nabijheid zijner tempels".\' Als bergen
zoo hoo}>; verheffen zich die zonden; maar
de liefde van Jezus\' II. Hart steeg hooger
dan die bergen; liet voorzag dat alles en
duizendmaal meer, en toch wil het onder
mis blijven tot aan liet einde der eenwen!
.Maar, Heer, zoo zouden wij mogen
vragen, waartoe blijft (lij zoo liefdevol
onder ons\'.\' — Kort vóór zijn dood gaf
Hij ons het antwoord. Hij zat neer te
midden zijner bedroefde Apostelen. Hij
had hun gesproken van zijn aanstaand
lijden en heengaan Uit den Vader. Toen
3100
klonk liet bemoedigend van zijne godde-
lijke lippen : « Mijne ld mimen , Ik zal u
\\s ciov. vin. ai.
Usr-~
-ocr page 153-
z\'*r~\\ o
VEESTIENDE DAG.                          147
» niet tilx weezen achterlaten." Lijden en
heengaan tot den Vader, dat moest ge-
beuren; sleehls op die voorwaarde zon Hij
ons verlossen en zalig maken ; maar zijne
Apostelen verlaten, neen . dat zon niet
gebeuren. .Maar hoe dit heengaan en dit.
blijven overeen te brengen? Voor ons zon
dit een onoplosbaar raadsel geweest zijn ;
niet zoo voor \'t liefdevol Mart van Jezus.
Hij stelde het II. Sacrament des Altaars
in en zoo bleef Hij met ons, gelijk Hij
voorzegde : Ik zal mei u zijn lol aan het
einde (Ier eeuwen.
Kn nu, zoolang de II. Kerk zal staan,
zoolang er in die Kerk nog één priester
is, die. de II. Mis zal opdragen, zoolang
zal Hij niet ons zijn en blijven, om gelijk
een liefdevolle Vader voor zijne kinderen
te zorgen. Hier werd Hij wederom alles
voor allen , gelijk Hij zulks was, toen Hij
al weldoende de vlekken en steden van
Palestina doortrok, en allen met volle handen
de vreugde, den vrede en de zaligheid
konden putten uit de bronnen des Zali»c-
makers.
Zijn wij zondaren, — Hij is daar onze
v>U ó
-ocr page 154-
JO>
I m
\\ KKIMTKXIIK IIAO.
Middelaar, die voor ons leef) on hij den
Vilder bidt met onuitsprekelijke vcr/.uch-
tingen ; zijn wij /.wak, Hij is daar onze
kracht; gaan wij gebukt onder den last
van moeilijkheden en kruisen. Hij roept
ons toe : < Komt allen tot Mij, die belast
• en beladen zijt." Dat kon ook een ander
medelijdend nienselienvriend zeggen ; maar
Jezus voegt er bij, wat God alleen kan :
» en Ik zal u verkwikken." Worden
wij bestreden door duivel . wereld en
vleeseli, Hij heelt de wereld en den duivel
overwonnen. Zijn wij krank, Hij is de
liefderijkste Geneesheer, die niet één woord
èii lichaam èn ziel genezen kan. Zijn wij
bedroefd, Hij is de Trooster, de beste der
vrienden. Is onze geest, verduisterd , Hij
is het Licht, dat allen mensch verlicht ,
die in deze wereld komt. Zijn wij be-
ducht voor den dood, Hij is het Leven ;—
verlangen wij naar den Hemel, Hij is de
Weg daarheen, leder uur van den dag
is Hij bereid ons aan te hooren en te helpen.
Als wij nu nog van armoede en geestelijke
ellende verkwijnen, zijn wij dun niet gelijk
aan een dorstige, die bij een t\'risschc bron
-ocr page 155-
m
G
VEF.BTIKXUK l>Aü.
van dorst Mc rl\'i •.\' Als iulke liefde <ms
niet aanspoort tot dankliaurhcid , wit zal
<l,ui in staat zijn ons te hewcgen \'.\'
"Vooniemeii.s.
1" Nooit ocne kerk voorbijgaan /.onder het
II. Sacrament te groeten niet eenc verzuchting
•les huilen of door een kort bezoek.
-\'° Deii grootst niogclijkeu eerbied voor dat
II. Sacrament aan den dag leggen in de kerken.
Stipt zijn. wat betreft het jaarlijkscli ol\' uiaande-
lijksch hidiinr.
•i" In moeilijkheden eerst 11:111 Jezus in I II.
Sacrament hulp vragen, vóór wij andere middelen
gebruiken.
VOORBEELD, li
., \'t Is moeilijk uit te drukken," zegt het l!oiuein-
sehe Brevier, „hoe moot en hoe vurig de godsvrucht
was van den II. Pasehalis Baylon voor dit hoog-
heilig Sacrament." Inderdaad, niet alleen tijdens
zijn leven , maar zelfs , door een voorrecht , dat
bijna eenig is in de geschiedenis der Heiligen .
ook 11.-1 zijn dood \'jat\' hij daar de duidelijkste
bewijzen van.
Voor zijne intrede in de l\'ranciscam r-orde ,
waarin hij als eenvoudig leekebroeder stierf, was
hij herder. Zijne meesters maakten hein het
I. Itollaud. I.
17. peg. 02. s. 108.
-ocr page 156-
\\ KKR TIENDE HM..
kooien dr II. Mis zoo gemakkelijk mogelijk.
Gretig maakte hij dan ook van de _crl< crciilu ijl
gebruik: toch speel het hem, dal hij, om niet
aan zijn plicht te kort te blijven , soms spoedig
moest terngkeoren : soms ook kou hij de H. Mis in
het geheel niet hooren : maar dan lette hij zorg-
vuldig op \'t luiden der klok bij de Consecratie ,
eti was daarbij dan in den geest tegenwoordig.
Die godsvrucht wilde God bclooueu. Dikwijls
verscheen hem in de wolken het allerh. Sacrament,
door Kngelenbnndeu in ecu Monstrans gedragen.
Als Pnschnlis dat zag, dan kou hij zich niet
inhouden van vreugde: hij riep dan de andere
herders, om getuige Ie zijn van het schouwspel.
..Daar. daar is het," zegde hun l\'aschalis, en
hij wees hun met den vinger de plaats aan den
hemel, /ij zagen niets, maar durfden loch gcens-
z.ins twijfelen aan hetgeen hij zegde.
Kloosterling geworden zijnde, werd hij aangesteld
als portier. Had hij een oostenhlik vrij, don
werd hij als met geweld naar het II. Tabernakel
getrokken ; duizendinalen spoedde hij er heen ,
en duizcndmaleu werd hij er door de gehoor-
/aamheid en de stem der bel afgeroepen. Uit
die godsvrucht kwam ook de eerbied voort, dien
hij den priesters betoonde, \'t Was schoon te zien,
hoc hij die aan de deur ontving. Op beide
knieën knielend nam hij hunne rechterhand ,
kuste die hartelijk en bracht ze aan zijn gelaat ,
de oogen en den mond.
o J°r->                                                               -*Ajó
-ocr page 157-
Q-
o
lol
VEKRTFKKUE l»AG.
Na zijn lit-iliLT afsterven weid hij in een open
kist gelegd en de H. Mis in zijne tegenwoordigheid
opgedragen. I\'jn zie , o wonder , bij de Consecrn-
tic opende hij tweemaal de oogon en sloot die
weer nis wilde hij het H. Sacrament groeten.
gelijk hij in zijn leven zoo ijverig godaau had.
GEBED
(Av //. Kerk.
o (iod . die ons in dit woudervol Sacrament de
gedachtenis van nw Lijden hebt achtergelaten •
geef, bidden wij I , dat wij do HH. Geheimen
van nw Lichaam en Bloed zoo mogen vereeren .
dat wij de vrucht uwer Verlossing voortdurend in
<>ns ondervinden. Die leeft en hcerscht in de
eeuwen der eeuwen. Amen.
-»>» • •.<*•
QJdsr*
-ocr page 158-
Vijftiende Dag.
Het H. Hart, zijne Verdiensten .
zijn Lijden . zijn Bloed.
AT wiis er noodig inii ons uit de
/«jtSSsslaveriiij des duivels te verlossen ?
\'Als eens alle nakomelingen van
Adam zich eene strenge Ijocte hadden opge-
legil , als zij zich allen eene levenswijze
hadden voorgeschreven gelijk aan die van
.loaiuies den Doöper in de woestijn, als
zij die levenswijze eens hadden voortgezet,
niet jaren, maar eeuwen door, zou dat
voldoende geweest zijn , om voor \'s mcn-
selien zonden te voldoen *? .Neen , en al
hadden inillioenen menschen duizendmaal
meer gedaan , \'t zon niet opgewogen heh-
lien tegen de schuld, die de inenscb hij
Ciod had; \'t zou nog geen druppel geweest
bW&J
-ocr page 159-
lp
waarde voor de verlossing der wereld
heelt deze traan en dit druppeltje Woed ,
dan zon uien u hebben kannen ant-
woorden : zij kunnen meer diin alle boetc-
werken van alle menseben; deze traan en
dr/.e bloeddruppel kunnen voor de /.ouden
der wereld ten volle rtildorn en :i;in den
oneindig heiligen en rechtvaardigen God
de overvlocdigste voldoening geven.
Verwondert u dit\'.\' Bedenk dan , dat
;ille nicusclicn voor God slechts geringe
schepselen , nietige wezens zijn. Gods on-
eindige eer was gesebonden, en een schepsel
kon die oneindige eer niet herstellen ; dat
kon alleen een persoon, die God was, en
dat is Jezus, het Kindje in de kribbe;
daarom beeft één traan uit zijn oog, één
-paJG
óUo-
-ocr page 160-
f j.-----------------------------------_---------------£ _
154                             Vl.ll\'1\'IKNHK DAfi.
druppel nii zijne aderen oneindige kracht1).
Muur verhalen ons de II. Evangeliën
niet, dut Jezus niet enkel één traan, één
druppel Moed vergoten heefl, inuar dut
Hij stroomen van tranen en Moed stortte,
ja, iinji op hel kruis zijn laalslen druppel
gaf, toen bloed en water op den lansstoot
des soldaats volgden? Waartoe dan die
mildheid \'.\'
(i Christcne ziel , als jrij liedenkt wat
.le/.us\' II. Hart is, dan zal u die mildheid
niet verwonderen, \'lis immers eene ovn-
vloeiende bron, eene zee, een onmetelijke
oceaan der teedorste liefde. Kén traan,
één druppel Bloed, ja, zij waren genoeg,
om u Ie verlossen en van allen vloek te
ontheffen, maar niet genoeg voor hel II.
Mart van Jezus, oin u zijne liefde te tooneu.
ledere traan van zijn oog, iedere zucht
zijner horst, iedere druppel van zijn over-
kosthaar Bloed, moest een getuige worden
zijner liefde, die u onophoudelijk zou
kunnen toeroepen : Mii eene eeuwige liefde
I) (,\'ujiis una stüla salvuiii lac-rc tului|i 1111111-
iluiii (mit ab mimi tcelore. S. Thomas Aq. in
Hymno: Atloro te.
-ocr page 161-
-m
a^"-
[55
VMFTIKXIIK IIAU,
heil Ik ii bami uil. Daarvoor leed llij reeds
in zijne wieg, die eenc h;mle kribbe was;
tluurvoor leed Hij in zijn lichaam doorar-
tnocdc en vermoeienis, maar onzeglijk
veel meer in zijne ziel door de ondankliaar-
lieid. tegenwerking en verachting der
mensehen. Was hei noodig, dat llij in
den Hol\' van Olijven van droefheid over-
stclpt , door au<rst neergedrukt , van \\val-
^riiifj: verzadigd werd en den schrikkc-
lijkstcn doodstrijd uitstond, dien ooit een
menscli geleden heeft\'.\' Was het noodig,
dat llij, «Ie liechtvaardijfc, verlaten werd
door de zijnen , verraden door zijn lecr-
ling, overgeleverd aan zijne l\'elste vijanden,
veroordeeld tegen alle recht , met gccscls
verscheurd , niet doornen gekroond, jrc-
sleept door de straten, gevloekt door het
volk. geklonken aan het kruis\'.\'
Neen. \'t was niet noodig, maar zijne
liefde tot ons spoorde er Hein toe aan!
Als wij o|> den Goeden-Vrijdagavond
door .leruzalcms straten gekomen waren ,
wat zonden wij gezien hebben? Een spoor
van bloed op den grond ; dat spoor ging
uit van den Olijf hol, het slingerde dooi\'
_______________________________________EÖ
-ocr page 162-
m
!.-,r,
w.iitiimh; u.vo.
ilc straten der stad tol iiiin hel paleis van
Annas, van diiiii\' naar Caiplias, van Caiplias
steeds grooter wordende naar 1\'ilatus\' reeht-
linis; daar zon een bloedplas 11 de plaats
der wreede geeseling gewezen helilien:
van daai- gin;* liet voort, steeds voort, tot
dut het eindigde in breede stroomen op den
se.handlwrg Calvarië! o Heer. waartoe
dit verlies van n\\v kostbaar Bloed1? Zijne
liefde lot ons is er de schuld van.
« Te grool is die liefde, •waarmede de
11 Meer ons bemint," roept de 11. liernnrdus\')
uit. « Ui\' Vader spaarde den Zomi niet,
11 maar ook de Zoon spaarde zich zei ven
I\'niet, om ons te verlossen! Ja waarlijk
11/e groot is die liefde; want alle grenzen
» gaat zij Ie buiten. Wel zegl de Heer;
«niemand heeft eene yrootere liefde, dan
« die :ijn leeen geep voor zijne vrienden ,
11 maar (lij zelf, o Heer, Hij liadt eene
11 grootere ; Gij gaafl uw leven zelfs voor
11 uwe vijanden! Vijanden, ja, dat waren
» wij, maar door uwen dood zijn wij niet
11 den Vader verzoend! Waar was, of is,
ii of zal ooit eene liefde aan deze gelijk
|i SiTiiio de l\'uss. tVr. I. llrliiluin. Sauct.
nJó
-ocr page 163-
VIJFTIENDE HAli.
•  zijn".\' Ili-.irddilijk sirrft iemand i\'oor
»renen geredUe
(Itoiu. V. T.i: maar (lij
•  Iccdt voor de ongercchtcn, stervend om
•• onze misdaden; fiij zijt gekomen om ons,
« zondaars, rechtvaardig te maken; dal niet
>• alleen , maar van slaven helit jjftj ons
"Verheven tol broedei\'s, van gevangenen
>\' tot niedeëi l^enainen. van arme ballingen
" tol groote koningen !"
Wel dierbaar moet Hein dan onze. weder-
lielde zijn , om ze tot zulk eenen prijs te
koopen ! Hooi\' dal Lijden en dat lïloed
heelt Hij ons eenen schat liezorgd, die
zoolang de wereld slaan zal . nimmer uit-
geput zal wezen, den nneindigen schat
zijner verdiensten. \\n hebben wij, al zijn
wij de geringslcn der aarde, voortaan hel
recht, niet volle handen te putten uit dien
schat en die verdiensten op ons toe te
passen. Zijne onmetelijke verdiensten zijn
nu waarlijk voortaan de tmie; Hij zeil
heelt ze niet. noodig, maar ons, bnliocfti-
gen, schonk Hij ze met vrijgevige liefde.
Telkens als wij tegenwoordig zijn hij de
H. Mis, hut Allerheiligste bezoeken, een
H. Sacrament ontvangen , een gebed stor-
^liTo
-ocr page 164-
prfo?____________________________"^Pll
158                          vijitikxdi; DAO.
ten. tsen gewijd voonverji niet eerbied
gebruiken, een kruisje met wijwater maken,
een allaal verdienen, telkens wordt ons een
deel dier onschatbare verdiensten gesehon-
ken. Honderden malen mng de II. Kerk zieli
"l> die verdiensten beroepen ; ;d waren de
linjslieden der wereld duizendmaal grooter
dan zij nu zijn, die schat der \\erdien-
sten is groot genoeg, om ze uit te delgen;
en zoo wij ooit het geluk hebben, om aan
de gapende afgronden der hel te ontsnap-
|ien en zegevierend de zalen des Hemels
binnen te treden , waardoor zal het zijn \'!
Hoor de verdiensten van Jezus\' Lijden, dat
Hij uit liefde tot ons onderstond, en door
de kracht van het liloed, dat Hij tot den
laatsten druppel voor ons vergoot !
\'Voornomen fs.
1" Hm H. Hart bedanken voor dien achat van
oneindige waaide , waarover Hij ile Kerk als uit-
deelster heelt aangesteld.
:.\'» Dikwijls dat II. Bloed ter voldoening onzer
zonden en die der wereld aan den Hemelacben
Vader, opdragCU.
A" Zooveel mogelijk de allaten , door de H.
Kerk verleend , verdienen.
-ocr page 165-
______________________________ÜlflrS
VIJFTIENDE l>V(i.                           15!)
VOORBEELD.
])c Vaders vau tier tweede Algemrcne Kcrkvco
gadering van Nicea hebben in de Aden van bet
Concilie het volgende feit doen optcekenen, waar-
in de Heer zelfs door ile levenlooze stol\' getuise-
nis iillcgt van de liefde zijns Harten.
Te Beyiuth, cene stad in Phenicic, hadden in
de aehtste eeuw de .Inden eeue beeltenis vali
onzen Heer Jezus Christus gevonden en in
hunne synagoge ten toon gesteld ; zij wilden aan
die beeltenis den haat koelen , dien zij den I\'ei-
sooa des Verlossers niet konden doen gevoelen.
/ij schaarden zieh rondom de beeltenis en begonnen
een voor eeu al de martelingen te herhalen, die
hunne voorvaderen onzen gezegenden Heer had-
tien doen ondergaan. Zij spuwden Hem in het
aangezien! , zij sloegen Hem met vuisten, zij
gaven Hem een rietstok in de hand en bogen al
spottend de knie voor Hem. Alles liet zich de
Heer, gelijk eertijds te Jeruzalem, welgevallen.
Eindelijk grijpen de ongelukkigcn cene lans en
willen, gelijk vroeger Longinns, de borst des
Zaligmakers doorboren. Maar toen openbaarde
zieh de macht en de Godheid vau Hem, dien zij
hoonden, niet door vuur dat straalde uit zijne
oogen om hen te verteren , niet door het open-
seheuren van den grond . niet door het instorten
van hunne synagoge; maar..... uit de plaats
waar de laus liet beeld gewond had, vloeide
rijkelijk , evenals vroeger op f\'alvarie , bloed en
-ocr page 166-
o
1(10                       VIJFTIF.KDE DAO.
water. Stom van verbazing zien het de Joden ;
maar hun ongeloof geeft zich niet over. Zij
nemen van het bloed en brengen het bij zieken ,
om zijne wonderkracht te beproeven, o Vcrstccnd-
hcid van \'t inenschclijk hartl Kou er dan uit
liet harde hout Moed co water vloeienr Waar-
toe dut een nieuw wonder verlangd P Waar de
hardnekkigheid der nienschen overvloedig was,
daar was ook de goedheid des Hceren overvloe-
dig bovenmate. Hij bewerkte ook dit wonder.
Zoovele zieken een druppel van dit wonderblocd
op hunne tong ontvingen, zoovelcn werden oogeu-
biikkelijk van al hunne krankhcden bevrijd. Kn
toen eindelijk openden de Joden de oogen : zij
klopten op hunne borst en riepen : Waarlijk , de
Gekruisigde wus (ïods Zoou !
iMnnsi Conc. Item. S. Athanasius , Op.)
GEBED der II. Kerk:
Almachtige, eeuwige God, die uwen Keugc-
horcti Zoon tot Verlosser der wereld hebt lange*
stcld en door ziju üloed hebt willen verzoend
worden , verleen ons , bidden wij V , den prijs
onzer zaligheid zoo te voreoren en door dcszcll\'s
kracht op aarde tegen de rampen van dit leven
.zoo te worden beveiligd , dat wij ons in den
Hemel voor eeuwig over deszelfs vrucht mogen
verblijden. Door denzelfden Jezus Christus, onzen
Heer, uwen Zoon, die met U leeft en heerseht in de
eenheid van den H. Geest, God in alle eeuwen der
eeuwen. Amen.
-ocr page 167-
Zestiende Dag.
Het H. Hart en Maria.
het waar is, dat aan een kind
gedachtenis het dierbaarste is,
welke liet ontving uit de bevende
hand van een stervende vader of moeder,
hoe dierbaar moet ons dan niet liet gp-
schenk zijn, dat Onze lieer op het doods-
In\'d des kruises nog schonk aan zijne be-
tninde kinderen. Richt uwe blikken naar
Calvarië. Daar ziet gij het Lam zonder vlek
hangen aan het sehandhout des kruises,
bloedend uit duizend wonden, gekneusd en
verpletterd , den dood nabij. Nog klopte
zijn Hart ; flauwer en (lauwer werden de
slagen. Maar zijne liefde ".\' Neen, zij vcr-
tlauwde niet! Zij dacht er nog over, ons
een geschenk te geven, een aandenken van
onvergelijkelijke waarde.
ii
&
-ocr page 168-
lfii                     zestiende dao.
Maar wal zal Hij ons nog kunnen geve
nu Hij daar van alles ontbloot aan het kruis
hangt".\' Zich zei ven heeft Hij reeds gegeven
hij \'t laatste avondmaal, in\'t H. Sacrament.
Zijne leer, zijne voorbeelden, zijn Moed en
duizend andere weldaden strooide Hij niet
kwistige hand over ons uit ; wat blijft
II\' in nog over ".\'....
Onder \'t kruis met schreiende oogen
Stond de Moeder diepbewogen ,
Daar de Zoon te sterven hing\'i!
Zijne moeder, die onbevlekt ontvangen
was, die als een blanke lelie in de/.e wereld
van bederf gebloeid had, zijne Moeder, die
Hem gebaard, gevoed, verzorgd, verdedigd
had , zijne Moeder, die lijden en verinooie-
nis met Hem deelde en nu nog in den dood
Hem niet verlaten kon , die Moeder zou
Hij ook ons tot moeder geven.
» Ik zal ii niet als weezen achter/alen,"
zeide Hij voor weinige dagen tot zijn Apos-
telen. Hij zelf zou met hen blijven als
Vader; Maria als liefdevolle Moeder.
Toen opende Hij de stervende! lippen en
sprak die woorden , welke voor liet laatst
]) Stuksit Mater dulurosn.
~$£o
-ocr page 169-
ZKSTIKSIIK DAG.                                  1B3
mis hoi»; zeggen, boezeer Hij ons ijemiiule:
« Vrouw, ziedaar uw zoon; zoon, ziedaiir
» uwe Moeder."
Xeen-, II. Joanncs, zij is niet alleen ««•<•
moeder geworden door die woorden, en^j;
zijt niet «//cch nan Marin tot kind gegeven
in dat plechtige oogenblik; ook onze moeder
is /.ij en wij /.ijn ook hare kinderen; wnnl
iiij steldet op Calvarië ons voor, jrij waart
<>«:•/\' vertegenwoordiger, en wat zijne liefde
aan u gal\', dat pil\' /.ij ook ons, zoo ge-
tuigen de HU. Kerkvaders van alle tijden.
o Welk eene weldaad heef) ons liet II.
Hart door die gave liewezen! Maria ,
onze Moeder! Hoe vele liefelijke gewaar-
wordingen gevoelt de ziel l>ij dat woord!
Wat gal\' Jezus mis in haar? Ken schat,
waarop wij niet de H. Kerk ten volle de
woorden des II. Gcestes mogen toepassen :
zij is een schat .... en zij die daarvan
gebruik maken, zullen aan de vriendschap
Gods deelachtig worden\'), een schat waar-
uit wij niet volle handen het heil kunnen
putten, een schat waarvoor wij alles zouden
moeten opofferen en verkoopen , om , zoo
1) Sap, Vil. Ik
-ocr page 170-
104                        /.ksïik.mii: dag.
hij niet in ons In7.it \\v;is, hein in ons liczit
te krijgen1). Hij gaf ons in haar tot lic-
schermster, niet alleen eene Heilige, ver-
lieven lioven Kngclcn en Seratijnen en ,schit-
terend in den glans van nooit overtroffen
deugd , niet enkel eene Vrouw . verheven
tot de hoogste waardigheid na die van (lod ;
neen , Hij gal\' ons in haar eene Mortier.
Wat kan in vergelijking komen met eene
moeder, en zulk eene moeder ? Is er in
eene moeder iets, dat niet aan haar kind
behoort*? Zij voedt het aan haren boezem;
hare armen dragen het, hare handen klee-
den en streden het , hare oogen worden
nooit moede over hetzelve ie waken, haar
mond spreekt tot hetzelve de zoete woorden
der liefde ; hare lippen drukt zij op zijn
voorhoofd en zij lachen haren lieveling
tegen; hare krachten hesteedt zij geheel en
al voor zijn welzijn , ja , zij zou zelf den
dood willen sterven, om het leven te redden
aan de vrucht van haren schoot! Alles
wat eene moeder is voor haar kind , dat
is Maria voor ons. Wat zeg ik \'! Eene
li Vgl. Mntth. XIII . H.
"^Do
-ocr page 171-
ZESTIEN UK DAG.                                  lli">
aardscbu moedor kun nooit haar kind !x\'-
minnen gelijk .Maria ons liefheeft!
Zij is onze schat, waar wij alles vinden,
wat wij noodig hebben : /.ij draagt ons in
haar hart geschreven, haar oog waakt
over ons, haar mond lacht ons toe en
bidt onophoudelijk voor ons , hare handen
strooien weldaden rondom haar : hulp in
den nood, sterkte in de y.wakte, genezing
in ziekte, troost in droefheid en opbeuring
Itij den val. Die schat staat open voor
kleinen en grooten, voor rijken en armen,
voor rechtvaardigen en zondaars. Gelijk
eene fontein hare wateren niet kan inhou-
den, maai- /.e in breede stralen rondom
zich verspreidt, zoo kan ook Maria de
schatten van genaden , die in haar zijn ,
niet, Itij zich honden ; zij verlangt ze rond-
om zich te verspreiden ; en zoo wij ze niet
vragen, dan roept zij ons dringend met
de woorden der II. Schrift: •< Zoo iemand
» klein is in verdiensten en genaden , hij
» kome lol mij*); komt, mijne welltemin-
» den, eet van mijn brood en drinkt van
» den wijn, dien ik voor n bereid heb,
1) Prov., I\\. J.
sn                                                                       t^JJUi
-ocr page 172-
Kr            ------^
ln<\'                            ZESTIENDE nvn.
» verzadigt ii van mijne vruchten. Aan
" mij i-- de rijkdom, aan mij de \\vetcn-
» sch;i]), aan mij dr glorie, aan mij alle
• genoegens\')!" Endic Moeder isousdoor
het Goddelijk Hart van Jezus geschonken!
Maai\' wat zou ons die teedere Moeder ba-
ten, als hare macht niet aan hare goedheid
beantwoordde , als zij ons wel alle goed
zou irilli\'ii doen, maar hel niet kon doen".\'
(tok daarin heet\'! de liefde van Jezus\'
II. Hart voorzien. Hij heel! die goede
Moeder machtig gemaakt boven alle andere
Heiligen , ja , volgens de overbekende uit—
drukking van een Kerkleeraar , almachtig
door haar gebed. Kn om ons daarvan te
overtuigen heelt Hij gedurende zijn leven
wonderen gedaan op haar verzoek , zelfs
eer nog de tijd van wonderen te doen
voor Hem gekomen was. Hij heeft haar
gesteld tot middelares tiissclien Hem en de
menseden, tot voorspreekster van geheel
het menschelijk geslacht; en als wij dooi\'
5
onze zonden zijn toorn hebben gaande ge-
maakt en wij ons voor Hem niet durven
vertooncn, dan heelt Hij ons Maria ann-
l) lliid. IX. 5.
-ocr page 173-
öj
m
li
/.kstikmii; mei
gewezen als ecne veilige vrijstad, als eenc
toevlucht, :ils ei•nc verdedigster, <lii\' ;il
zijn toorn bedaren en genade voor ons
verwerven kun. Wel mogen wij dan mei
<len II. Thomas van ViUanova zeggen : < Al
< veranderden alle sterren des hemels in
5
- tongen en al konden alk* zandkorrels op
• den oever der zee woorden voortbrengen,
>• \'t zon niet voldoende zijn, om Maria, (die
•> weldaad van Jezus\' liefde] naar waarde
>\' te prijzen !"
Daaraan zien wij , dat Jezus\' II. Hart
ons beminde , daal- Hij ons op liet sterf-
bed zijns kruises mei bevende en gebroken
stem noji zulk een aandenken wist te «even.
o Goddelijk Hart, wij hebben I begrepen :
(lij verlangt van ons, dat wij dat geschenk
in eere houden al de dagen onzes levens.
totdat de dood onze oogen sluit en wij
eerst voorgoed gaan inzien , wat weldaad
tiij ons gedaan hebt , met ons zulk eene
teedere en tegelijk machtige Moeder te ge-
ven ! o Maria , toon, dat gij onze Moeder
zijt ; wij zullen trachten ons uwe ware
kinderen te lietoonen.
olslsyj
-ocr page 174-
g*------:------------^
KiS                                  ZKSTIKNliK BAO.
Voornemens.
1° Maria begroeten all onze Moeder en met
bijzondere aandacht het „Wees gegroet"\', bidden.
2" Maria vragen , dat zij ons leert; Joint\' H.
Hart te beminnen en na te volgen, aelijk /.ij het
bemind en nagevolgd heeft.
3° Haar vragen , dat. zij ons opsluitc iu de
wonde van dat H. Halt en ons aldns den Hcniel-
sehen Vader aanbiede.
VOORBEELD.
Ken gouverneur van Avignon lag zwaar ziek
in het jaar 160(1. Tot dan toe was zijn leven
weinig stichtend geneest. Op het punt van te
sterven wendt hij zich tot de H. Maagd en be-
looft zijn leven te zullen beteren , zoo zij hem
de gezondheid terugschenkt. Daar ziet hij op.
eens de H. Maagd, maar met vertoornd gelaat en
hein berispend over zijne misslagen. Nu laat hij
spoedig een priester roepen en begint te biechten.
He ziekte verheft zich wederom plotseling en belet
hem voort te gaan. .Nogmaals ziet hij de II. Maagd,
hem even ernstig en streng aanziende als den eer-
sten keer. Nu is zij echter niet allecu. Voor
haar en haar Goddelijken Zoou , die bij haar is ,
ligt een Heilige op de knieën : \'t is Ignatius , die
toen nog slechts zalig verklaard was ; deze bad ;
maar Maria bedekte niet hare hand de monde MM
Jecttt\' zijde. Och, dacht de zieke ui bevend, zoo
wordt dan de bron van harinhartiirlieid /elven, mij
-ocr page 175-
8*
röno
o
ZEST1KNDK DAG.                            iti\'J
door de Moodcr der barmhartigheid tocgcsloten ?
Ignatius ging intusschen voort met bidden, stelde
zich borg voor den ongelukkige en beloofde voor
hem, dat hij voortaan een christelijker leven zou
leiden. Eindelijk liet Maria zieh verbidden. Zij
wendde zieh met zaehteren blik tot den zieke en
vroeg hein, welk leven hij in \'t; vervolg wilde leiden.
Bevend en in tranen badend , beloofde hij alles
te zullen doen , wat de H. Ignatius in zijnen
naam beloofd had. Nu legde de .Moeder Gods
hare hand in de open lijilr van haren Zoon. nam
alsdan een weinig bloed uit het H. Hart van Jezus
en besproeide daarmede den armen zieke. Op
\'t zelfde oogenblik hield de verschijning op. Do
zieke was volkomen genezen en, wat meer zegt ,
voorgoed bekeerd. iBartoli. Vie de St. Ignace.)
GEBED.
o Allerh. Hart van Jezus, Gij hebt ons iu uwe
H. Moeder een uwer kostbaarste geschenken ge-
geven. Verleen ons de genade in alles hare
heilige voorbeelden en heilzame inspraken te vol-
gen en zoo deelachtig te worden aan de vruchten
hater voorspraak, die alles op ü vermag, dewijl
Gij haar de sleutels van de schatkamer inva Har-
ten hebt in handen gesteld, o Heer, laat U te
onzen VOOrdeele verbidden door haar, die Gij op
deze wereld als uwc Moeder hebt willen eeren.
Amen.
)£>•>
\'Wri
-ocr page 176-
Zeventiende Dag.
Hel il. Hart en zijne Beloften.
K-ki. imig ilf H. Kerk dikwijls lu*r-
.\' liid ww mis, //. Moedor
\' God», d/mIuI wij iva&rdig worden
•der beloften run Chrisltis."
Ook die beloften
zijn bewijzen der liefde van zijn Goddelijk
Hart. \'t Was voor dat Hart niet genoeg
ons zijne liefdevolle leer en voorschriften
gegeven te hebben; \'t was niet genoeg, dat
Het treurde liij liet zien van des zondaars
ongevoeligheid en over hein en Jeruzalem
klaagde : « Hoe dikwijls heb Ik u willen
• vergaderen gelijk eene hen hare kui-
o keus onder hare vleugelen verzamelt ;"
\'t was niet genoeg, dat Hij uit liefde strenge
straffen vaststelde, om als \'t ware de men-
schen tot het onderhouden zijner heilzame
gdiodeil Ie dwingen en onze zwakheid door
-ocr page 177-
Oflc^
-\'>r?
Q
fr
ZEVKKTIKNUK
DAG.
,;i
J
">
<lr vrees te lml|) Ie komen : — neen .
gelijk eene liefdevolle moeder iliin liaiir
kind bclooningen licloofl, als het vlijtig
leert en ijverig is in deugd en gebed ,
zoo wilde ook het liefderijk Hart van Jezus
te werk gaan niet ons. Kn wat heeft Het
ons beloofd. zoo wij aan de liefde zijns
Harten beantwoorden, en kinderen zijn .
leerlingen volgens zijn Harl".\'
Leert van .Mij, dat Ik zachtmoedig en
ootmoedig van Harte ben en .... gij zult
nut vinden voor uwe zielen
\'). Zalig zijl
gij . o armen , want aan u is hel rijk der
Hemelen\'\'
i. Zalig de zachtmoedigen , want
iij zullen de aarde bezitten. Zalig zij, die
weenen; want tij zullen vertroost worden.
Zalig de barmhartigen, barmhartigheid
zullen ook zij ondervinden.
          Zalig de
zuiveren van harte, want zij zullen (m!
zien.
Zalig de vreed/.amen, • kinderen
(jotlx zullen z.ij genoemd worden*).
Doet
wel, geeft ter leen , niets tcrugverwach-
tende, en utv loon zal groot zijn en gij,
li .Matth. XI. 29.
1) Lm. VI. 20.
8) Mntth. V. :! <mi ïllta
o-Ui>\'-
-ocr page 178-
o r\\c-_______________________________rtjr\\o
172                         ZKVKXl\'tKSIIK HA».
gij zuil kinderen zijn des Allerhoogste*.
(leeft en u zal negeren worden ; eene goede
en neet gedrukte en geschudde en orerloopende
maal zul men in uwen school geren.
Gij ,
die alles verlaten hebt, gij zuil op tronen
zitten en ooi\'deelen de Iwaalf stammen Israël*.
(ï:i;it, verkoopt ;illes en gij zuil een onrer-
gankelijken schel in den Hemel bezitten
\' I!
koninklijke beloften voorwaar, die het
Goddelijk Hart vol liefde ons doet! Hierin
verschilt Het vïiii alle vorsten en wetgevers
dezer wereld. Als dezen eene wet ufkon-
digen, dan bepalen zij straffen voorde
overtreders, zij houden hunne volkeren
slechts in bedwang door de vrees; maar
waar ter wereld vindt men den wetgever
of vorst, die aan zijne onderdanen belooft,
hen schitterend te zullen bcloonen, zoo zij
zijne wetten onderhouden\'? Daartoe is
alleen de liefde van Jezus\'11. Hart in staat;
zijne wet, is geene wet van vrees, maar
eene koninklijke wet van liefde, «o Liefde
van Jezus
A0C
Christus! roept de welsprekende
II. Joannes (\'Jirvsoslonnis uit ; \'t was den
li Lue. VII. 83.
-ocr page 179-
--------------------------- r,l4J
ZEVENTIENDE IIAG.                          I , i
Heere niet genoeg den dood te ondergaan,
en dien te ondergaan aan het kruis, Hij
wilde in den persoon der armen nog arm
worden, en vreemdeling zijn, zonder onder-
konien en naakt ; Hij wilde krank en in
de gevangenis opgesloten zijn , om u zoo
ten minste voor zich te,winnen; en Hij
belooft u : " Wat gij nu aan den minste
» der mijnen gedaan lielit , dat hebt gij
» Mij gedaan, en een\'glus koud water /.al
» niet /.onder loon blijven. ... Ik vraag u
••geen groote dingen, /.egt Hij; Ik liid u
> slechts om een bete broods, om een wei-
» nig deksel tegen de koude en guurheid;
» slechts een paal\' vriendelijke woorden
» van troost ! Laat u dit nog ongeroerd ,
» o, laat u dan treilen door de helooning
" van \'t eeuwig rijk, dat Ik u beloofd
» heb.....\\l hebt gij Mij duizend en
ii duizend bewijzen van liefde te vergelden,
i\' Ik verlang nochtans niets van u, alsof gij
» het Mij schuldig zijt; maar Ik beloon u
ii voor alles, alsof gij het Mij uit vrije
i> keuze gegeven hadt, en voor dingen
ii zonder waarde geef Ik u het eeuwige
ii leven. Ik zes niet : maak aan mijne
ftU^
"^ëfcjo
-ocr page 180-
17*
ZEVENTIENDE DAG.
" iirmocdu een einde, of help mij om rijk
» te worden, raiuir Ik vraag u slechts een
•  weinig l)i"ood, een kleedingstuk, cene
i\' verkwikking in mijnen honger. En als
i Ik in de gevangenis zuchl, verlang Ik
•  niet, (hit gij mijne ketenen verbreekt en
» Mij verlost, maar Ik vraag n slechts,
» dat gij .Mij bezoekt; dat is Mij licfde-
» licwijs genoeg en daarvoor schenk Ik n
» den Hemel. Ik kon u ook /.onder dat
» alles de eeuwige kroon geven ; maar Ik
» wil /.e u schuldig zijn, opdat gij /.e met
i\' grootere vreugde zoudt dragen. Ook
•• daarom ga Ik over de wereld rond en
>• vraag Ik aalmoezen en wacht Ik aan uwe
» deur en steek Ik ln-delend mijne hand
» uit; Ik kou mij zclven spijzen, maar Ik
» wil door u gespijsd worden; omdat Ik
» u 7.00 innig liefheb, daarom kom Ik zoo
» gaarne hij u ter tafel als hij een vriend
» en Ik Ijen er trotscb op met u den maal-
» tijd te mogen gebruiken. En als eenmaal
•  de gehecle wereld rondom .Mij verzameld
» is , dan verkondig Ik luide voor alle men-
i\' schen, wat gij aan Mij gedaan hebt, en
» Ik zal u voorstellen als mijn weldoener."
Sb-
-ocr page 181-
T
7.KYKNTIKMIK DAO.
» o Christenen, üls mis iemand ondersteu-
» ning en voedsel verschaft , dun schamen
•  wij er ons over en zoeken hel zooveel
» mogelijk geheim te houden; maar de
» Zoon Gods, die ons zoo innig, innig
» liefheeft, verkondigt eens, ;il zwijgen
n wij er zelf van, met grooten lof, opcn-
» lijk alles, wat wij voor Hem gedaan
•  hebben, en ///\'/\' schaamt zich niet aan.
i alle Engelen en menschen te /.eggen, dat
« wij Hem gekleed hebben, tix\'ii Hij niets
» had om zich te dekken; dat «\'//\'Hem
••gespijsd hebben, toen Hij geen brood,
•  h:ul om zijnen honger te stillen\'»."
En welk loon belooft Hij ons in zijne
liefde \\\' Hij de menselien is alle loon on-
zeker en zij, die zich bij hen het ver-
dienstelijkste maakten , ontvangen dikwijls
niets, of slechts ondank tot loon. Niet zoo
bij onzen liefderijken Koning Jezus Christus.
Hemel en aarde zullen voorbijgaan , maar
mijne woorden zullen niet voorbijgaan, zoo
gewaardigt Hij zich geruststellend te l)e-
loven ; vreest niet, uw loon zult gij niet
missen. Dat loon zal groot, overgroot zijn ;
1) S. JoesChrys.Hom.sup. Hom. VIII. 28—89.
m
..,•_
-ocr page 182-
m
\'t zal geen einde nemen mei hut einde der
ccuwcii, het zal niet begrepen kunnen
worden door een menschclijk verstand:
want geen oor heelt gehoord , geen oog
heelt gezien en in geen menschenverstand
is liet opgekomen, wat God bereid heelt
voor wie Hein liefheeft.
Verwondert n dit \'? Maar bedenkt dan ,
dat het Goddelijk Hart vol liefde n zegt :
Ik :c//\', Ik, de God van Hemel en aarde,
Ik, de Schepper van al het goede en schoone
der wereld, //.\' zal uw overgroot Iwjh zijn!
Sai\'tl meende reeds veel te beloven, toen hij
aan David tot loon zijner dapperheid zijne
dochter ten huwelijk beloofde. Maar meer
belooft Onze Heer. Hij belooft ons zich
zelvcn met alles wat Hij is en wat Hij
heeft, met al de schatten zijner eeuwige
wijsheid , niet al het licht zijner eeuwige
glorie, niet al den luister zijner aanbidde-
lijke schoonheid !
De H. Kerk erkent met dankbaarheid ,
dat de Heer ons door die lwlofte eene
weldaad zijner liefde betoond heeft even
groot als door de Menschwording en het
II. Sacrament des Altaars, .« Ziet, zoo
üo
btJCKJ
-ocr page 183-
orra
177
ZEVENTIENDE l>.VO.
juicht zij in hare lofzangen\'), in de kribbe
ir.it\' Hij zich als mcdegezcl aan dus, men-
scheti; in het laatste Avondmaal gaf Hij
zich ten spijs, aan \'t kruis ten zoenoffer,
en in den Hemel, daar geelt Hij zich
zei ven tol bclooning."
Wie /.;il dan hel koninklijk Hart niet
wederkeerig hctninueii, dat zulke l*cloonin-
geti In-looft om onze liefde tot eiken prijs
te koopen ".\' Wie zal kunnen weigeren de
les van den Apostel l\'aulus op te volgen ;
« Dewijl wij dan deze beloften hebben ,
» allerliefsten, zoo laten wij ons zelven
» reinigen van alle besmetting des vleesches
n en des geestes, onze heiligmaking vol-
» tooiende in de vreeze Gods\')">"
\'Voornemens.
1" Altijd met bijzondere aandacht deze woordcu
uitspreken : Bid coor oux, II. Moeder Gods, opdat
icij waardig iro.-dc.i dn beloften eau Christus.
2" Van onzen kont ons beijveren, om door
het beminnen en navolu.cn van Jezus\' H. Hart ,
ons die beloften waardig te maken.
1; In Hymno : Verbum Superman: Se nascens
dcdit soeiuin , eonveseens in ediilium , se moriens
in pretium . se regnans dat in pnrmium.
1) 2 Cor. VII, 1.
il
cxiiJö
6ü«yj
-ocr page 184-
1
17H
ZK\\ EKTIKNDE DAG.
:>» Lees hier nog eens aandachtig de beloften,
«elke Onze Heer deed aan de Gcltikz. Margarcta
Maria. Zie bladz. 58.
VOORBEELD.
De H. Gerlrudis was cenc vurige vereerster van
liet II. Hart van Jezus. De Heer zelfverklaarde
vau haar aan eene godvruchtige ziel, dat voor
Hem het liefste en zoetste verblijf o» aarde hel
H. Sacrament des Altaars «as. en na dit . het
hart zijner bruid Gertriulis en Inner zuster .\\leeh-
tiiilis.
Op zekeren dag hoorde Geitrudis een sernioon.
De kloosterling, die het predikte, zegde onder
andere : De liefde Gods is een gouden pijl, waar-
mede de mcusch als eigendom verkrijgt al wat
hij daarmede treft en doorboort, lüj deze «voor-
den voelde zich de II. Certrudis geheel en al
ontvlamd en riep uit : „ o Benige Bruidegom
mijner ziel, Heer Jezus Christus, o, had ik dien
pijl ! Aanstonds doorboorde ik dan uw Hart, om
het als eigendom voor eeuwig te mogen bezitten."
Als zij dit gezegd had , werd zij in den sreest
verrukt en zag haar goddelijken Zaligmaker. Hij
had een gouden pijl in de hand , met de punt
Haar Gertrdis gericht en Hij zegde haar •. „ Ziet
Jii.j den pijl , dien gij verlangt ? Ik bezit dezen
pijl en n wil ik er mede treilen." De Heer trol\'
er haar inderdaad mede , en verkreeg Gertrndis
tot zijn eigendom, want Hij zeil\' openbaarde, dat
cxjj
-ocr page 185-
og^
17\'J
ZEVENTIENDE M\\u.
\'s lichaam» ledematen iiii t /do nauw met bet hart
verbonden waren noch ook \'s menseben bcwegin-
gen mot diens wil, — als de wil van Gertrudis
verbonden en vereenigd was mot zijn wil. —
o Goddelijk Hart, doorboor ook mij met dien pijl
der liefde !
ft Kit KI).
o Iteininuelijk Muil van Jezus, dat in den schat
mvrr liefde de schoonste beloften gevonden en
aan ons geopenbaard hebt. wij bidden 1\' door
do voorspraak uwer gezegende Moeder, geef, dat
wij zoo leven op dezo wereld. dat wij waardig
winden, om do heerlijke vervulling uwer beloften
in den Hemel eeuwig te genieten. Amen.
b USj j
-ocr page 186-
Achttiende Dag.
Wal verhuurt liet li. Hnrt van ons.\'
\\t duiiki ii. godvruchtig»\' vereer-
/«Mtèder van \'til. Hart, is het hillijk
""en rechtvaardig, dat wij daukhiiur
zijn jegens een Hart, waaruit zooveel wel-
duden voor mis ontsproten i Kn mag ;il
hetgeen de inensclien van alle tijden en
plaatsen uit dankhaarheid doi\'ii kunnen,
mag dat in vergelijking komen met het-
geen wij ontvingen : Leg al de verdien-
sten der menschen tegen deze liefdelx>
wijzen van \'t II. Hart in de weegschaal,
en \'t is alsol\' gij een /.andkorrel legt tegen*
over een hemelhoogen herg. Zijn wij
daardoor ontslagen van den plicht, om
onze dankbaarheid te betuigen? Verre
vandaar. Al kunnen wij niet doen, wat
dat II. Mart verdient, Het verlangt ten
cXliJd
)<...
-ocr page 187-
W NI Til NIH. UAO.                           Isl
minste, dat wij doen, wal wij kuniieii.
Kt-nc* luidere oer brengt sianGod de hoogste
Serafijn , eene andere het kleinste insect:
maar alle schepselen moeten doen wat in
hunne macht is , om den Schepper te ver-
heerlijken ; zoo ook moeten wij het II. Hart
die eer geven, welke in onze macht is, en
die liet uitdrukkelijk van ons vraagt.
Kn wat verlangt Het van ons? .\\anbid-
iliiifi
, l\'Jrrhrislrl, SdrnlijiiKj.
i. va.nuioimm;.
Gelukkige II. Joauncs, die in liet .laatste
Avondmaal mocht rusten op het H. Hart
van Jezus! Gelukkige Kngelcn, die het
II. Hart, thans schitterend van glorie en
hcmclschen luister, mogen aanschouwen !
Waar vinden wij dat Hart , hetwelk de
II. Joamies voelde kloppen , en dat de
Kngelcn aanbidden".\' Met alken in de
zaal van het laatste Avondmaal, niet alleen
in de ongenaakbare vreugde&dcn des lle-
mels; maar hij ons, in onze onmiddellijke
nabijheid ; niet op ééne plaats , maai\' op
zoovele plaatsen , als er tabernakels zijn ,
waar \'t II. Sacrament bewaard wordt.
m
oUs--
-ocr page 188-
• 8i                      ACHTTIENDE ln<i.
Daar klopt ook thans nog (Int Hart; dii;ir
zijn nog de blikken van alle koren der
Engelen aanbiddend gericht op dien schat,
waarin de Godheid woont!
Waarvoor is luit II. Hart, daar tegcn\\voor-
dig\'? Is het om daar vergeten en alléén
gelaten te worden "? Neen , Het is daar
tegenwoordig, om onze bezoeken en onze
aanbiddingen ie ontvangen en gunsten zon-
der tal over ons uit te storten. Daar
zetelt Jezus als een liefdevolle Koning, die
tot zelfs den minsten zijner onderdanen
iiitnoodigt en toeroept : Koml uilen Int Mij.
Welk een verschil met, de koningen
dezer aarde ! Hovelingen, edelen en grooten
hebben toegang tot hun persoon; maar
wil een geringe ol\' arme burger tot hen
doordringen, boeveel offers, moeilijkheden,
afwijzingen, vernederingen heeft hij zich
dan te getroosten! Hoe lang heelt hij te
wac
44
hten , hoevele anderen zijn hein voor,
hoc kort moet het onderhoud zijn, daar
weer anderen niet ongeduld wachten, - -
hoeveel vormen en plichtplegingen zijn er
te onderhouden! Alle vertrouwelijkheid
is verboden en hij moet zich verwijderen,
-ocr page 189-
ja-----------------
A( HTTIEHOE DA<i.                           |h
misschien met de gedachte van nooit meer
dezelfde gunst te /.villen genieten.
Niet zoo het lïoddelijk <\'ii beminnelijk
Hart van Jezus. Overal ter wereld heeft
Hij zijn paleis; op ieder uur van den dag
verleent Hij gehoor; geen andere plicht-
plcgingen zijn voorgeschreven dan liefde
en eerbied in zijne tegenwoordigheid ; geen
smeekschrift wijst Hij af; Hij ontvangt ze
niet één voor één , maar zelfs duizenden
tegelijk , en door Hem gehoord worden .
is zooveel als door Hem verhoord worden.
(leen wonder. Is in het H. Sacrament
niet het Hart van Hein , die tijdens zijn
sterfelijk leven al weldoende rondging,
geen enkele bede of verzoek afwees, maar
zielen en lichamen genas; ja , van wien
een groot Bisschop en uitstekend redenaar\')
zegde : « als in een plaats van Palestina
» geen zieken ol\' gebrekkigen meer waren.
•• dan was dat een teeken, dat Jezus
» Christus daar was voorbijgegaan ?" \'t Is
hetzelfde Hart van Hem, die medelijden
en liefdevolle woorden had voor de ver-
achte Pnbtikanen, voor de overspelige
ll BoMUCt.
to\\                                                                                                la
-ocr page 190-
«
m
x=
im
\\( IIITIKXDK lMli.
SaiiKtritiiMiisclii\', voor de onteerde Magda-
Iciiii, voor zijn verraderlijken leerling Judas,
voor Am stervenden moordenaar !
Maar geven wij aan dat II. Hart daar
al de aanbidding, die Het van ons ver-
wacht ? Als Het in de II. Mis ondel- ons
neerdaalt , zijn wij er dan om liet te be-
groeten bij zijne komst\'? Als Het op het
Altaar is uitgesteld, gedurende het. Lof,
het Ycertig-urengebed, zoekt ons Jezus
Christus dan niet tevergeefs rondom zijn
troon? Als Hij in plechtige proecssiën
onder ons wordt rondgedragen . zijn wij
dan tegenwoordig om eene eerewaeht te
vormen, die Hem begeleidt of ten minste
begroet? .Maar al te dikwijls is het waar,
dat de mensehen , en ook wij misschien ,
aan dien grooten Koning van vrede en
liefde zelfs die eer niet geven, welke zij aan
huns gelijken bewijzen ! Hij komt ons
he/.ockcn, en men verwaardigt zich niet
Hem met een tegenbezoek te vereeren,
eene oplettendheid, die men aan ineuschen
niet weigert! Honderden gaan zijn god-
delijk palcis, de kerk, voorbij; zij konden
gemakkelijk even binnentreden ; maar zij
>v?kio
oU\'
^
-ocr page 191-
-inï>i________\\___________________________"<ï
ACIITTrENDK DAO.                        185 *-
grocten /.i Ifs niet en denken imn alles,
behalve tuin Hem , die uit lieidc tot hen
op lui altaar verblijft. en dien zij toch
zoozeer noodig hebben.
Is het u nooit overkomen. als gij de
wonderen en weldaden des Heeren tijdens
zijn sterfelijk leven laast of hoordet vcr-
kondiguti en gij daarbij zaagt, hoc koud
en onverschillig, hoe weinig belangstellend,
ja hoc vijandig de .loden bleven , — is
hel ii dan nooit overkomen , dat gij vcr-
ontwaardigd werdt over zooveel ondank-
haurheid".\' Uwe verontwaardiging was
hillijk : maar zie wel toe, of gij ze ook niet
tegen u zelven moet keeren ; of misschien
o.ik o|) u deze woorden niet van toepassing
zijn : Daar ia er één in uw midden , dien
t/ij niet kent\'). Hij kwam in zijn eigendom
en de zijnen hebben Hem niet ontvangen*)!
Weet gij niet, hoe u te gedragen in de
tegenwoordigheid van dit aauhiddclijk
Hart 1 Wat doet een arme hij een rijke,
een zieke hij een geneesheer, een onwe-
tciidc hij een raadsman en leeraar, een
li .lois. I. ÜÜ.
•>, .lois. I. 11.
-ocr page 192-
«P
_cv<3
.0"
ISfi
A< IITTIKXDK DAB.
vervolgde l>ij een machtigen verdediger?
Wat is eenvoudiger ? Gij aanbidt dat Hart
met d(> Engelen, «lic het Tabernakel >>m-
gcven; ;rij offer) u ïelvcn op aan Hem .
die zich geheel en al voor u heelt gcslucht-
offcrd ; gij dankt Hem voor de liefde ons
bewezen, vooral in zijn H. Sacrament; gij
vereenigt u met de oneindig waardige ^re-
lieden , die dal Goddelijk Hart onophou-
dclijk uit iillc Tabernakelen der wereld
tot den Hemolschen Vader opzendt ; sij
spreekt Ment in eenvoudige, ongekunstelde,
kinderlijke taal over uwe ellenden van ziel
en licliaam, over uwe geestelijke en tijdc-
lijke liebocflen, over uwc plannen en onder-
nemingen, over uwe plichten en tuoe,ilijk-
heden , over uwe strijden niet de wereld,
den duivel en uwc hartstochten. Mijn
tiod , hoe kan ooit de stol\', om ons niet l
te onderhouden , ontbreken ".\'
Ken nieuwe wereld scheppen met zon
en maan en niillioencn sterren, veel scbooner
dan die wij nuzien, zou aan Jezus Christus
slechts één woord kosten : en wat is de
wegneming onzer kruisjes vergeleken bij
het scheppen cener nieuwe wereld \'.\'
dÖS
-ocr page 193-
Q\'flffrj
Al III\'TIENDE IIMi.                                 l*>7
Welaan dan. l>ezoeken, begroeten en
aanbidden wij liet II. Hart, zooveel en zoo
dikwijls wij kunnen iu \'t groot en nooit
volprezen Sacrament onzer altaren !
"Voornemens.
1° Het II. Hart aanbidden vim verre en nabij,
in de kerk en daarbuiten, (ieene kerk voorbij-
gaan zonder, zoo mogelijk, even binnen te treden
of althans niet liet hart .lezti» Christin te groeten.
Hij \'t HMireiigebed . bij uitstelling van
\'t H. Sacrament, bij inaandelijksehe of jaarlijksehv
biduren nooit ontbreken , en iu de kerk altijd
den grootst mogelijk* n eerbied betooueu.
VOORBEELD.
Wonderbaar was de godsvrucht der II. Ko*a
van lama voor dit hoogheilig Sacrament. Geen
H. Mis kou in de kerk der l\'redikheereu , tot
wier -I)erde Orde zij behoorde, worden o])gcdra-
gon . ol\' zij was !•!\' bij tegenwoordig. Daar bleef
/ij dan dikwijle den gutacelen voormiddag, ouUe-
«recglijk als een beeld. De II. Hostie was haar
middelpunt : daarheen richtte zij overal hare
blikken: zoodat zij uren kon zitten zonder nauwe-
lijks een enkele maal hare oogleden te bewegen,
veel minder haar gezicht van \'t altaar at\' te wen-
den. Heleenden en onbekenden gingen haar voorbij,
liepen haar als \'i ware iu \'t oog, zij zag ze niet:
alleen wat op het altaar iresehiedde , dat boeide
HJo
-ocr page 194-
rM\' ]*»S                           M II rTIEKDE IH\'i.
hare aandacht. Was liet H. Sacrament voortdurend
uitgesteld , zooal* niet het lö-urengebcd, dan
weck zij niet uit de kerk : «00 bleef /.ij ook
geheel de octaaf van Sacramentsdag \\ooi- het H.
Tabernakel, /onder spijs of drank te nuttigen,
tot grootc verwondering van allen, dio haar zagen.
De vier laatste jaren van haar leren ^iug /ij 1102:
verder. In de Goede Week bleef /.ij dan ook des
nachts in de kerk. en van de plaats, waar /.ij met
Witten Donderdag was neergeknield . stond /ij
niet oj>, voordat op Goeden Vrijdag die Goddelijke
Schat in processie naar het Tabernakel terug
gebracht werd. Honger, dorst, vermoeienis, alles
vergal zij, en 21 nreu bleef zij daar in dceerbie-
digste houding zonder ook een enkel oogenblik te
gaan zitten of tenen den muur te leunen. Boorde zij
den naam van \'t H. Sacrament noemen, dan boog
zij vol eerbied het hoofd : hoorde zij de klok
luiden bij de Consecratie . dan werd haar halt
vervuld mot eenc vreugde . die zij kwalijk vor-
bergcii kon. Xooit kon zij verzadigd worden
\\au lul aaiihiMiren van scrinoucn over dit mysterie,
en had /ij eenmaal ceue preek daarover gehoord,
dan kon zij de/e jaren daarna niet wonderlijke
juistheid nog teruggeven. Geen werk was haar
aangenamer dan het vervaardigen van sieraden
voor \'t altaar, vooral in de Goede Week voor
\'t H. Graf. Corporalen, altaarklecdcn , kelk-
doekjes vervaardigde zij met voorliefde. Met
levende bloemen Was /ij niet tevreden : zij vcr-
•^                                         
-ocr page 195-
u IITTIKXOK l>A(i.                          1H0
vaardigde er nog andere van zijde iu de meest ver.
schillende kleuren. Kon zij zulks overdag niet ,
dan deed zij het des nachts en zegde dan : \'t Is
voor den Bruidegom mijner ziel; wel mag ik iets
voor Hein lijden : want is er wel eene gehuwde
vrouw voor welke het te veel is, dat zij den
naelit moet besteden aan \'t vervaardigen van
sieraden of kleedcren, om zoo haren man instaat
te stellen , \'s anderendaags fatsoenlijk te verschij-
neu y (1\'
o Liefde der Heiligen ! o Kondheid onzer
harten !
GEBED.
Ziedaar, geliefde Jezus, hoever uwe bovcu-
inatige liefde is gegaan. Om I geheel aan
mij te sehenkeu , hebt Gij mij van uw Vleeseh
en allerkostbaarst llloed een goddelijkeu maaltijd
aangerecht. Wat toeh heelt 1\' tot zulke vervoe-
ring van liefde gebraeht \': Xicts anders voorzeker
dan uw liefdevol Hart. o Aanbiddelijk Hart van
mijnen Jezus, brandend fornuis der goddelijke
liefde, ontvang mijne ziel in uwe allerheiligste
Wonde, opdat ik iu die sehool van liefde den
God leere wederlieniinnen , die mij zoo wonder
vollo bewijzen zijner liefde schonk. Amen.
(100 dagen utl. eens per dag 1\'ius VII. 9 Fehr. 181>s.ï
l,i Boll. Aet. Sanet. toni. 3V. pag. \'J.\'ia.
btbra
-ocr page 196-
"ï>3
"j6\\
Negentiende Dag.
J>r Enrewaeht.
»i.s een geëerbiedigde en hcinindc
Jl\'koning zich gcwaardigt zijn paleis
Ie verlaten om een bezoek te brcn-
gen uiin eenc stad van zijn rijk, wat ziet
men clan*? Aanstonds sluiten zich de voor-
naamstc ingezetenen der stad aaneen en
vormen eenc eerewacht, die den koning
ontvangt bij zijne komst, hem vergezelt
op al zijne gangen, hem U-waakt en alle
eer tracht te bewijzen.
Kn in de stad waar de koning zijn ge-
woon verblijf houdt ? Daar bestaat eenc
blijvende eerewacht, die altijd den koning
omgeeft en hem de hulde brengt van eer-
bied en getrouwheid.
Onder ons woont ook een Koning, grooter
m
oÖT
=xy
-ocr page 197-
NEGENTIENDE DAG.                       10]
en rijker dan Salomon. \'t Is Jezus Christus
in \'til. Sacrament. Hij is omgeven van
eene ccrcwacht van outelbare geesten, die
Hem al knielend aanbidden en \'t nimmer
eindigend • Heilig" toezingen.
Maar die eerewacht is onzichtbaar. Wat
verlangt Hij nu van on» ? Dat ook wij
ons aaneensluiten tot eene eerewacht , die
Hem nooit verlaat. Ken uardschen koning
o| keizer zou men geen grootere beleedi-
jiïng kunnen aandoen , dan hem alleen te
laten , als had men hem niet noodig , als
was het zijnen onderdanen te veel door
hunne tegenwoordigheid te betuigen . dat
zij hem eerbied en liefde toedragen.
Wat men een aardschen koning niet zal
aandoen, helaas, voortdurend doet men
het den Koning der koningen aan! Men
keert Hem den rug toe, men bewijst Hem
geen eerbied , men laat Hem alleen! Nu
doet Hij een beroep op zijne, getrouwste
onderdanen , op hen , die door het ver-
vullen hunner christelijke plichten Hem
dagelijks de blijken hunner getrouwheid
geven , en Hij zegt hun : « Wilt ook gij
» heengaan? He wereld keert Mij den rug
o U<
1^3                                                               - ?Uo
-ocr page 198-
w
[92                         NKliKXTIKMlK DAO.
•  toe; maar gij, mijne getrouwen, komt
» gij tot Ulij en geeft gij Mij du eer, die
•  de wereld .Mij weigert; komt en houdt
•• de wacht rondom mijn troon, waarop Ik
» uit Helde tot u in ieder tabernakel zetel."
Verlangt het II. Hart dan , dat wij niet
van zijn altaar wijken en hetzelve nooit
verlaten? I>ït zou voor ons, mensclicn,
onmogelijk zijn, en bet II. Hart , dat ons
zoovele plichten heeft opgelegd, zon het
eerste zijn om eer.e hulde af te wijzen,
die te kort zou doen aan de rechten, welke
anderen op ons hebben. .Neen , Het ver-
langt , dat wij hetzelfde doen, wat aan de
koninklijke hoven geschiedt. Daar lossen
de hovelingen elkander van uur tot uur
af, maar zoo, dat de geëerbiedigde per-
soon des konings nooit alleen is en nooit
vragend behoeft rond te zien : waar zijn
mijne getrouwen\'! Zoo kunnen ook wij
ons aaneensluiten tot eene blijvende eere-
wacht , waarvan de leden elkander voorN
durend aflossen en waarvan er altijd een
voldoend aantal op hun post zijn, om aan
den oppersten Koning de rechtmatige hulde
te bewijzen.
-ocr page 199-
gp-
NECENTIESDE DAO.                         ](,t:i
Doch ook dit zou nop velen onmogelijk
/.ijn. Dagelijks zijne werkzaamheden onder-
breken, meermalen voor liet H. Sacrament
een biduur houden , daar dikwijls tegen-
woordig zijn en zorgen, dat de Koning onzer
harten nooit of nimmer alleen is, zou dat
de eenvoudig\' werkman, de zorg volle huis-
moeder, de met arbeid overladen huisvader,
ja zelfs menige priester en kloosterling, die
leeft voor "t heil des naasten, altijd kunnen".\'
\'l \\\\ are wensehelijk , en oprechte , innige
toegenegenheid zou in dit opzicht veel ver-
mogen ; maar toch voor velen zou het lie-
paald onmogelijk zijn.
Welnu, luistert dan, gel rouwe vereerders
van Jezus\' II. Hart. Voor eenige jaren
werd er eene vrome broederschap opgericht,
die zich ten doel stelde, eene blijvende
eerewacht te vormen rondom het Allerh.
Hart van Jezus , brandend van liefde tot
ons in \'t. 11. Sacrament. En om het aan
geloovigen van allerlei stand en rang moge-
lijk te maken , aan die eerewacht deel te
nemen, werd als eenige voorwaarde vast-
gesteld : «/)e leden kiezen één uur run den
dag ah wachhiur uil. In dal uur trachten
ii
-ocr page 200-
111 I                              NKGKKTIENDK l>Aii.
»Ö • -*V* mnder iets in hunne werkzaam-
heden te veranderen ,
;/» en ilttn eens te
tienken aan Jezus Christus
, onzen Heer, en
draijen min zijn doorwond Hart
<>/\' bijzon-
ilere wijze al Imam\' gedachten , woorden
.
werken en moeilijkheden op." Wat is er
gemakkelijker\'.\'
Jezus Christus is geen koning dezer aarde :
Koning hen Ik, zegt Hij, maar mijn rijk
is niet ran deze
«vitW\'i. Ilat toonl Hij
allerdnidclijkst door de eerewaelit \\vnar-
inede Hij wil omringd zijn.
He aardsche koningen verlangen daarvoor
de personen van den hoogsten adel. Jezus
\'Christus ziet slechts op den adel der ziel,
en al zetelt die ziel in een lichaam , dat
door den arbeid met stof en door de ar-
moede met lompen bedekt is, toch roept
Hij allen en zegt: Komt lul Mij allen, en
aan zijne dienaren gelast, Hij: "Gaat spoe-
dig naar de wijken en straten der stad
ui brengt armen en zwakken en blinden
en kreupelen hierheen*)." Dat is zijne
eerewaelit; zij was liet tijdens zijn sterfelijk
li Vul. .luis. XVIII. 37.
i) Vstl. Uu: XIV. 21.
^ëtto
btfeï"
-ocr page 201-
1
leven; zij is hel ook nu nou\' in t II. S;u\'r;i-
llIC\'llt.
De koningen dezer aaide verlangen hunne
waeht in hnnne onmiddellijke nabijheid:
och, hun oog reikt niet verder; degevoc-
lens des harten blijven limi onbekend, en
een hoveling, die slechts in den geest en
met den wil zijne opwachting zon maken,
zon den toorn van den vorst hcloopen.
Niet zoo is onze Koning Jezus Christus.
Zijn alziend oog dringt door de lichamen
en zelfs o|> den grootsten afstand en Ie
luidden onzer drukste bezigheden ziel Hij,
waarmede onze harten bezig zijn.
Hat waelitnnr nu kan voor den priester
het uur zijn, waarop hij het altaar bestijgt,
de llll. Sacramenten toedient, zijne getijden
bidt of zijne zieken bezoekt; - - voorhuis-
vaders en huismoeders de tijd van hun
dagelijksch werk;- voor den onderwijzer
het uur van zijn onderricht, - voor den
landbouwer en werkman het uur van zijn
zwaren arbeid , — voor den scholier de
schooltijd, — voor den zieke het uur van
lijden, - - voor de ziekenverplegers de tijd
van hun nachtwaken. Waarom niet\'.\'
otj
-ocr page 202-
HM!                         NKOKKTIKMUE DAC.
Jezus Christus 7.ict op verren afstand. Hij
ziet lift hart. Kn wanneer dan op deze
plaats voor den cencn het uur van zijn
ee repost eindigt , dan begint weer elders
voor een ander het vastgesteld wuchtuur,
zoodat liet II. Hart nooit zonder aanbidders
is , die aan Hetzelve de hulde hunner jre-
trouwheid en liefde /.onder tusschcnpoozcii
brengen.
Deze eerewaehi, -de vruclil der liefde
welke de getrouwe zielen aan Jezus\' II. Ilari
toedragen,
          is thans over de gansene
wereld verspreid. « \'t Is," zooals een klein
iiesehriït je hierover zegt, «geen eenvoudige
t wacht meer, maar \'t is een goed geregeld,
neen in slagorde geschaard, ontzettend
•  leger. Zoowel de beschaafde Europeaan,
•  die zich regelt naar zijn horloge, als de
» hekeerde wilde in Canada, die zijn \\vaehl-
-.> uur bepaalt volgens den stand der zon,
» nemen er dienst, in. . . . Allen herhalen
» het luide door hunne daden en woorden :
•  komt laat ons in eeuwigheid het Aller-
> heiligste Hart van Jezus aanbidden. En
» aan de spits van dat ontzaglijk leger
••staat als veldheer, maar toeb ook als
"
\'^JZR
-ocr page 203-
^npj________________________"3f\\°,
NEGENTIENDE DAG.                         H\'7
» gewoon soldaat, de groote Paus l.eo XIII,
» die ons (door talrijke aflaten) aanmoe-
» dijend toeroept en uitnoodigt: Ook ik
* ben lid der Eerewachl; Maandelijks ont-
11 vang ik mijn maandbriefje .... ik houd
» dagelijks trouw mijn wachtuur\'*)."
En wij, zullen wij aarzelen deel te nemen
aan die vrome eerewaelit".\' Of zoo wij
leden zijn, en misschien onze ijver verflauwd
is , moeten wij dan , dit alles bedenkend .
aan \'t II. Hart niet de hulde eener ver-
nieuwde vurigheid en blijvende getrouw-
heid brengen\'?
"Voornemens.
1° Trachten ecu ijverig lid te zijn van il<-
Aartsbrocdnrschap der Eerewachl. (Om inlichtin-
gen wende men zich tot een der plaatsen , waai\'
die broederschap is ongericht, of tot den hoofd-
zetel „Kapel in \'t Zand , bij Roermond.")
•>» Bij de plechtigheden ter ecre van \'tH.
Sacrament, zooals bij \'t Veertig-nrengebed, op
Witten-Donderdag, bij Processicn enz. altijd eer-
biedig tegenwoordig zijn.
VOORBEELD.
Eeuige jaren geleden ontving de stad Orleaus
in Frankrijk een nieuw regiment soldaten in gar-
1) Woorden des II. Vaders.
-ocr page 204-
m
^ffi
[<JS
SI I.I.N I IliMli: Il Ml.
ui/oen. Sedert ilicu lijil merkte ile pastoor der
knthi\'draal niet verwondering op, ilnl een zekere
soldaat zich geregeld \'s namiddags v;ni één tot
drie uur in de kerk bevond. Daar stond hij dnn
twee uren lang, stil. onbeweeglijk, in crue
militaire, maar tevens eerbiedige houding voor
hel traliehek van bet hoogkoor. — De pastoor
verlangde zeer de reden dezer buitengewone han*
16
delwijze to kennen. Op zekeren dag kwam een
kapitein met zijne vrouw de kerk bezichtigen.
In de sarristij verhaalde lieni de pastoor wal hij
dagelijks zag. en voegde er bij: „Wacht hier nog
even; liet zal zoo aanstonds één uur slaan, en
dan komt hij altijd." Het sloeg op de torenklok,
en «ogenblikkelijk was de soldaat op zijn post.
Zoodia de kapitein hem zag, zeide hij tot den
pastoor: „Wel, mijnheer pastoor, dien man ken
ik van nullij, het is een uitmuntend soldaat,
die al mijn vettrouwen met recht geniet , een
der besten van mijne compagnie." Daarop riep hij
den soldaat bij zich en vroeg: „.Maar, man, wat
doel gij hier toeh ?\' ,, Kapitein , was liet aut-
vvoord, ik houd hier een paal\' men de wacht
voor het II. Sacrament. Schildwachten zijn er
immer» overal : te Parijs heelt er de President
wel vier, twee staan er hier hij mijn Genet aal,
en één bij den Kolonel; bij den Stadsprefect ook
ui een schildwacht. .. . Als ik uu hier in de
kerk kom . zeg ik bij mij zelveti : Is mijn lieer
en God , die hier in het II. Sacrament rust , dan
^
niet duizendmaal meer, dan alle prefecten
-ocr page 205-
m
Kolonels, nouernals, ,jn dun allo koningen 011 kei-
zcrs (lor ganschc wereld ? En mot dut al hooit
Hij tooh geen enkel man , die de wuohl bij Hom
betrekt. Zie . kapitein , dal was niel zooals
\'i behoorde -. dat kou ik niet hebben. Nu ga ik.
als ik vrijen tij<l heb, hier voor Onzon l,ie/on
Hoor op post slaan . on ik verzeker u . dal de
uren mij niet te lang vallen : want ik bemin
God van gaiisehor harte."
Do soldaat groette vriendelijk, licl don pastoor
en don kapitein vol bewondering achter en begaf
zich naar zijne plaats in de kerk , totdat zijne
wachturen verstreken waren.
GEBED.
o Allcrh. Hart van Jezus, ik aanbid l van
LTanseher harte . niet alleen hier, maar in alle
tabernakelen en in alle geconsecreerde Hosticn
der gohoele wereld. Och, waarom konnon en
aanbidden l niet alle mensehen \' Wat mij betreft,
ik bedank en aanbid U voor al degenen . die V
niet kennen of niet danken, en ik beloof U alles
te doon, wat in mijn vermogen is, om uwe kon-
nis on uwe liefde te verbreiden. Ontvang mijne
hulde : cu kan ik niet liehamelijk hij uw II.
Tabernakel tegenwoordig zijn, dan draag ik l
tooh al mijne werkzaamheden , al mijne adcmha-
lingcn on al de kloppingen mijns harten op, als
zoovele akten van aanbidding on dankzegging!
stte"
-ocr page 206-
Twintigste Dag.
Wal verlangt Jezus\' H. Hart vau ons !
II. KKUI1KIISTKI..
18
nu, gij inwoners van Jeruzalem,
i\' gij mannen van Juda, oordeelt nu
»tusschen .Mij en mijnen wijngaard!
» Wai moest Ik meer gedaan hebben aan mijn
» wijngaard, dat Ik daar niet aan gedaan
• heb?" Och, de Heer verwachtte zoete
druiven , maar niets dan bittere vruchten
inoeht Hij plukken\'i. - Wien komt deze
klacht niet in den geest, als bij vele eeuwen
later Jezus Christus aan .\'ene Hruid zijns
Harten hoort zeggen : « Ziedaar het Hart.
» dat de mensehen zoozeer l>cinind heeft,
" dat Het niets spaarde, ja , zich heelt
" uitgeput en verteerd, om hun zijne liefde
» te toonen." «Maar," zoo voegt de Heer
1) Val. Is. V , A. on vla.
-ocr page 207-
TWIKTIOSTE DAG.                          201
er klagend hij: < tot vergelding ontvang
» Ik van het meerendecl niets dan ondank-
\' naarheid , door hunne oneerbicdigheden
» en heiligschennissen , door de koudheid
» en verachting, die zij voor Mij hehljcii
>• in het. Saei\'iiment mijner liefde."
Zijt gij ooit, godvruchtige lezer, tegen-
woordig geweest bij de morgenpleehtig-
heden van Goeden Vrijdag".\' Dan hebt gij
ook gezien, hoe de priester het Crucifix
nam, het onder eene diepe buiging de
voeten kuste en ter vereering der hedie-
iiiiivn en der geloovigcn openlijk in het
priesterkoor neerlegde. Maar wellicht hebt
gij niet de woorden begrepen , die de H.
Kerk dan den priester in den mond legt.
Hij spreekt in den naam van Christus:
•  Mijn volk, Ik voerde u uit Egypte,
» maar gij hebt Mij, uwen Verlosser, een
» kruis bereid.
        Ik geleidde U door de
«woestijn, veertig jaren lang; Ik spijsde
•  u met manna en bracht u in een goed
•  land , en gij"? Ken kruis hebt gij Mij
•  bereid. Ik plantte u als een uitverkoren
" wijngaard, en gij, gij zijt Mij o, ïoo bitter
>\' geworden ; want mijn dorst hebt uij met
11
U3
!S>"J                                                                                                             <?Q\\
-ocr page 208-
m
ffi
202
ÏWtNTir.STE DAO,
" azijn gelaafd i\'ii nut ecne lans licht jrij
h di\' zijde uws Verlossers doorstoken ! Ik
» sloeg om uwentwil Kgvptc niet zijne
» eerstgeborenen en gij helil Mij gegccseld
« en overgeleverd. Ik opende n de zee ,
•  en ir ij hebt .Mij de zijde geopend. Ik
» voedde II llift manna ili de woestijn, en
» gij. gij overlaadt .Mij niet slagen en gecsels.
» IK laafde u met water des lieils uit de
•  steenrots, ui gij hebt Mij gedrenkt met
» gal en azijn. Ik sloeg\' om uwentwil de
» koningen van liliatiiiiin, en gij sloegt niet
•  een rictstok op mijn hoofd. Ik schonk
»u een koningsschepter, en gij gaaft Mij
«een doornenkroon. Met groote macht
"heli Ik u verheven, en gij, gij licht Mij
i opgeheven aan den schandpaal des kruises.
.Mijn volk, w:it heh Ik n misdaan, of
•  waarin heh Ik n bedroefd? Mijn volk.
» antwoord Mij \'i. . . ."
Wie wordt niet tot in de ziel getroffen
hij het liooren van zulke kluchten".\' God,
wnt spreekt ei\' uit die woorden ecu drocf-
hcid , een pijnlijk gevoel over de ond;ink-
baarheid van \'t uitverkoren volk !
li lïouieiiiM\'li Missaal op Goeden Vrijdag
ö-U.S\'J
ê^Ub
-ocr page 209-
r\'^pl O
Of»}
m
r« ixricisri\'. hm;.                         20:1
Nog klinkt diu stem uit icderen T:iIhm*-
nakcl! Nog richl zich de Heer tol ren
uitverkoren volk , dat Hij mei weldaden
overlaadde, en hetwelk slechts ondank vuur
vergelding gat\'. Mijn volk . mijne (lhris-
teneii, zoo weeklaagt Mij. en och . of
zijne woorden tot in het dienste onzer zielen
doordrongen , - mijn dierbaar Christen-
volk , Ik , de Zoon van (lod , hen voor n
allen mensch geworden; en gij, gij vergeel
de weldaad , die Ik n daardoor hewezeit
hel). Driemaal daags herinnert de klok
aan dal groot Mysterie , en wie denkt er
aan".\' Mijn volk, overal ziel gij mijn
kruis: in uwe woning, in de kerk, hoog
in de lucht ; en verre van aan mijn lijden
dankbaar te denken, onteert men hel
kruis, en men zou hel van de wereld
willen verbannen.
In \'t 11. Sacrament hen Ik tegenwoordig :
mijn volk, \'t. is voor u; daar offer Ik .Mij
in de 11. Mis voor u op aan den Vader ,
en gij"? lïij zijt afwezig, ol\'zoo gij er zijt,
gij schijnt, door uwe lauwheid en oiieer-
hiedigheid, slechts gekomen om Mij te
hoonen en te helcedigcn ! — Hier hen Ik
Ê,
ixtfeyS-
-ocr page 210-
gp-----------------------^m
\' \'Ui                             l\'WIXTHiSTK DAG.
dag en nacht, nul ii ti\' ontvangen. ir
hooren, te helpen, en ^rij ? Gij gaat mijnen
tempel voorbij /.onder Mij /.«\'lts te groeten.
Ach, de os kent zijnen meester en de
ezel de krilihr zijn* hoeren; maar gij, mijn
volk, gij kent Mij niet, (jij begrijpt*niets
van mijne liefde1). Hier heb Ik voornoen
maaltijd aangerecht, heerlijk en wonder-
banr, en gij. gij weigert te komen. Met
hei Manna des Hemels spijs Ik u, engij?
Met heiligschennis, met het verraad van
Judas, vergeldt gij mijne liefde. Is dat
dan het loon voor zooveel toegenegenheid \'.\'
Mijn volk, mijn dierbare wijnstok, o, wat
zijn de druiven die gij voortbrengt bitter!
Ik gal u mijne leer, als een licht te
midden uwer duisternis, en gij, gij ver-
smaadt die leer, (rij zijt er onwetend in
en gij doet gcenc moeite om er u in te
laten onderrichten. Ik gal\' u mijne II.
Kerk als ecne teedcre moeder, en gij, gij
verscheurt haren schoot, gij treedt hare
wetten met voeten. Behalve mijn II. Licfde-
ireheim gaf Ik u zoovele andere HM. Saera-
li V-I. Is. I. :5.
oUe
-ocr page 211-
TWINTIGSTE dag.                       305
inenten; Ik gaf u de Biecht en gij ontvlucht
ze; Ik gaf u het H. Oliesel en gij wacht
met liet te ontvangen totdat het te laat
is ; Ik gal\' n den priester als vader , als
trooster, als leeraar, als verzorger uwer
/.iel , en a\\\\ . gij eert hein niet en luistert
niet naar zijne woorden ! Ik gaf u Ulijn
Rloed en mijne verdiensten en gij verspilt
ze ; Ik gal\' u mijne voorbeelden on ^ij volgt
/.e niet na : Ik schonk u mijnen vrede, dien
de wereld niet kent , en gij , gij wilt den
valschen vrede en de genoegens der wereld,
tzï] jaagt hare ijdele en gevaarlijke ver-
maken hartstochtelijk na ; Ik gal\' u mijne
Moeder tot uwe moeder, en gij vereert
haar zoo llanw; Ik beloofde u mijn rijk
en mijne eeuwige liefde , en gij".\' Ach ,
gij stelt de vergankelijke goederen dezer
wereld hoven mijn eeuwig rijk, en gij
weigert Mij te erkennen in den arme, die
uw medelijden inroept! Waar heli Ik hei
verdiend, iniju volk, of waarin heb Ik u
bedroefd \'.\' Mijn volk , antwoord Mij !"
Wat zullen wij antwoorden ? Te meer
daar het lioddelijk Hart daar nog zou
kunnen bijvoegen : niet ketters en onge-
-ocr page 212-
9ri\' -______________________________f>rio
-\'llli                                 TWINTIIiSTE DAG.
loovigen alleen handelen zno, maar »dwir-
inede hen II, gewond in hel huis run hen
,
die Mij liefhadden1]." « llml mijn vijand
Mij gehoond, Ik u>u Mij voor hem verbergen;
muur gij
, « menxch , gezind gelijk Ik ....
/«/ƒ« veiinnuveling, gij, die anngenaam mei
Mij npijsdel1)
..... Wat zullen wij sint-
woorden ? Och, of wij de woorden l>c-
grepen, die dat II. Hart tol «Ie Zalige
Margaieta Maria sprak : « Zal er dan nie-
• mand zijn. die medelijden mei Mij heeft,
" niemand, die mei Mij lijdt en deelneemt
» in de droefheid , waartoe de zondaars
< Mij brengen ".\' <üj ten minste versehaf
ii Mij de vreugde van de ondankbaarheid
i\' der zondaars te herstellen." En de Zalige.
getroffen door dat woord, deed wat ze kon.
Maar zullen ons die klachten koud laten\'.\'
Dan moesten wij hardvochtiger zijn dan
rotsen en stcenen; want deze scheurden bij
den dood des Hecrcn ten tecken van ronw !
Maar hoe die eer, die gekrenkte eer
van \'t II. Hart te herstellen ? Ze volledig
herstellen kunnen wij niet., maar dan ten
I) Ziich. XII.
i< I\'s. 54, lt.
oijc
-ocr page 213-
THIN rrr.STK DAG.                           2(l7 \'
niiiisic ui. t vvrüiihljcldcn ijver hut II. Saeni-
iiiciii liezoclit, ilc II. Communie ontvangen,
ilc II. Mis bijgewoond , onze gelieden ver-
rielll , onze plichten vervuld, en <l:it fji>d-
dolijk Hart, dut een glas kond water niel
onbeloond laat , zal mis voor dien lieïde-
dicnsl dankbaar blijven de geheele eeu\\vig-
lieid door."
Voornempii B.
1" Aan \'i II. Hart dikwijl* eerherstel aaubic-
den voor de ondankbaarheid dor wereld : ons
daarom wachten , dir ondankbaarheid door onze
eisene zonden te vergrooteu.
•!•> Op den eersten Vrijdag der maand ofZondags
daarna, tol eerherstel de II. Communie ontvangen.
VOORBEELD.
Sedert twaalf jaar offerde de Geluk/. Margnrcta
Maria aan haren (Sodd. Meester ile (\'iiiiiniunie
van den eersten Vrijdag op, toen de Eerw. Moe-
der Meliu meende haar deze godvruchtige oefening
te moeten verbieden. De Overste ondervond wei-
dra , dat zij tegen de inzichten des Heeien han-
deldc. Inderdaad, eene liarerjongsteUeligienzcn,
die veel beloofde , zuster Itosalie Vcrchère , werd
ziek en bevond zieh nu weinige dagen in levens-
gevaar. Margareta Maria smeekte van Jezus
Christus de genezing der kranke al\'. Zij kreeg
otfe"
-ocr page 214-
orp?_____________________________-<rpro
-.MIS                           rWIMTHiSTK DAG.
lot antwoord, dat, zoolang de Ovetate haai «l<-
f \'ommuuie vau den eersten Vrijdag weigerde , de
zieke voortdurend zon lijden;. zij moest hier-
van de Ecrw. Moeder verwittigen. Toen stond
de/e de gewonschte Communie toe, maar op voor-
waarde, dat de Gelukzalige voor de genezing van
Zuster Rosalie zou bidden. Zij deed het, en de
zieke, die in hopeloozen toestand verkeerde .
bevond zieli aanstonds buiten gevaar.
Nochtans durfde Margareto Maria op den
eersten Vrijdag niet voortgaan tot de H. Tafel te
naderen, omdat zij de woorden harer Overste slcchls
als ecne belofte onder voorwaarde liad aangezien.
Daarom ook bleef Zuster Kosalie veel lijden ,
zoodat de gonceshoeren er niets van begrepen.
Vijf of zes maanden was zij reeds in de zieken*
kamer. De Gelukzalige smeekte Jezus\' H. Hart
haar ecne volkomen gezondheid te vcrlecnen;
maar Onze Heer verklaarde haar stellig, dat, in-
dien zij wilde verhoord worden, zij hare Commu-
uien moest hernemen. Nu besloot zij er opnieuw
hare Overste over te spreken. Deze wachtte >.icli
wel, nog langer Gods wil te wederstaal!: zij gal\'
aan Mnrgaicta het gevraagde verlof en op hetzelfde
oogenblik was Zuster Vorchère genezen.
(DanieL Vie de la B. Marg. Marie.\'
GKIÏKD.
Ik aanbid U met den diepsten eerbied, 0 mijn
Jezus, verbolgen in het H. Sacrament; ik erken
-ocr page 215-
-^m
QTTftXj
209
l\'WTNTIGSTE DAG.
1" voor waarachtig God en waarachtig Meuscli .
en met deze akte van aanbidding stel ik mij voor.
te voldoen voor de koelheid van zoovele Christe-
nen , die wanneer zij uwe HH. Tempels, en soms
z.cll\'s liet II. Tabernakel voorbijgaan, U niet eens
groeten en zich door hunne onverschilligheid .
srelijk de Joden in de woestijn, van \'t Hcmelseh
.Manna atkecrig toonen. Ik offer U tot eerherstel
voor cene zoo verregaande lauwheid, het allerkosi-
haarst Hloed, dal Gij vergoten hebt, en ik herhaal
duizenden en duizenden malen : leder ooge.iblik
zij het allerheiligste en allergoddelijkste Sacrament
geprezen en gedankt.
:<?*£
oöïyï-
-ocr page 216-
*g&
Een en twintigste Dag.
Wiil verliuiijt het H. Hart van ons \'.
in. ywoiüim;
r..»i
bidt
de II. Kerk op dm
\\m
^;>--?i^*"Octii:if(la}ï van Driekoningen. « o
liod. wiens cenige ton in ons
» vleesch verscheen, geef, smecken wij l\',
» dat wij door Hein, dien wij uiterlijk op
» ons /.ion gelijken, inwendig mogen hcr-
» vornid worden." Hiermede drukt de
II. Kerk, die Bruid van \'til. Hart, een
verlangen uit, hetwelk zij in hei Hart van
haren Bruidegom gelezen heelt, n. 1. dat ons
hart op het zijne moge gelijken. Inderdaad
de ceredienst van \'t II. Hart bestaat voor-
namclijk in de navolging van het 11. Hart.
In dit punt bedriegen zich vele godvruchtige
zielen. Zij nieenen de godsvrucht tot hel
6Us">
-ocr page 217-
oppj_______.......________________
KEN EN TWINTIGSTE DAG.                 :J11
11. Ilii 1*1 te bezitten , omdat zij een beeld
van liet II. Hart godvruchtig verecren,
omdat, zij op den eersten Vrijdag der maand
de II. Communie ontvangen , omdat zij lid
zijn van verschillende Broederschappen:
o. ii. van \'t //. Uur, tic EerewacM, enz.
omdat zij gaarne sermonen hoeren, die
handelen over het 11. Hart, omdat zij ge-
voelig aangedaan zijn, wanneer zij denken
aan de lietde, waarmede; dat Hart zich
heeft laten doorboren op het. kruis.
Zeker, deze personen bezitten iets, maar
niet alles van deze heilzame godsvrucht;
zij hebben eene kiem, eene plant, een boom
misschien, met bladeren en bloemen, dr
vrucht
hebben zij nog niet; als zij bij dat.
alles onverstor ven zijn, als zij lastig in den
omgang, driftig en opvliegend blijven, als
zij zich nog hoovaardig verheffen op ver-
meende of wezenlijke goede hoedanigheden,
als zij gehecht blijven aan het aardsche
en het juk der gehoorzaamheid bij elke
gelegenheid trachten af te schudden , wat,
is dan hunne godsvrucht 1 Een stroo-
vuur, dat geen stand houdt; zij bepalen
zich tot middelen en verwaarloozen het
Ü3—
~*-dJ-ö
-ocr page 218-
gxïipn
EEX ES TWINTIGSTE lIAfi.
doel. Hoort, wal de zachte en beminnelijke
II. Kranciscus van Sales tot dezulken zegt \'i:
« Ite II. I\'aulus vermaant de geloovigen
>  van 1\'hilippi : Broeders, die gezindheid
»
;•//\' /\';i ». »v//év ooi in Chrislux Jezus was.
<  Wat wil de groote heilige I\'aulus mei
» die woorden Keggen ".\' Wil hij, dal wij
» voor onzen Verlosser die teeilere en ge-
•  voelige liefde hebben , die Hij voor ons
» gevoelde op het kruis ".\' Wil hij dat wij
» van medelijden om zijne smarten tranen
>  storten ".\' .Neen , onze lieer vraagt van
» ons niet die teetlere ca gevoelige liefde ,
» die ons tranen doet storten en in ons
» zoo vele verlangens zonder gevolgen doei
•  opkomen! De lul is vol van deze ver-
>  langens , en ijdel zijn die teederheden ,
« die wij wensehen te gevoelen , alsof ons
« heil daarvan afhing. Men moet ze niet
" verlangen of niet zoeken, want gewoonlijk
» dienen ze slechts tot vermaak en zijn
•> alleen goed voor zwakke geesten. Maar
<  wilt gij weten, welke gezindheid van
.• Jezus Christus de II. I\'aulus in ons ver-
1) Direetions Spir. de S. Pr. de S. pur Chmi-
mont, lom. II. e hap. XII.
-ocr page 219-
1
cép-
>13
KEN 1\'\\ TWIX\'I\'IOÏT.
•  langt te zien".\' He gezindheid, \\vanr-
» door de Heer zich vernederd , uien vcr-
» nietigd, zich onUcdigd heeft. Mei ons
\' icni^ te hrengen tot. ons niet, niet ons
" te ledigen vmi ons /.elven , .l;il is : van
» nl onze driften, neigingen, nfgekeerd-
•  heden en al onzen tegenzin voor het
«goede, niet ons zelveii en onze eigen-
« liefde voortdurend te versterven , daar-
» door moeten wij komen tot dien toestand,
» waarvan de II. Pauhis zegt: ik leef niet
>> meer, maar Christus leep in mij."
Ja , zoo uioet het zijn : Christus moet
in ons leven; de deugden van zijn II. llari
moeten onze deugden worden. Wat l)e-
teekenl anders onze liefde ? Als wij in ons
hart de zonden koesteren en de ondeugden
als onkruid welig laten tieren, zal dan de
Bruidegom van onze zielen met welgevallen
in den tuin onzes harten rondwandelen ?
Daar staat van Hem geschreven , dat Hij
slechts weidt onder de leliën.
« Weest mijne navolgers, gelijk ik het
» licn van Christus," zegl wederom de
groote H. I\'auliis. Ku hoe was hij de
navolger van Christus1? Hat zegl ons zijn
oU.fya
-ocr page 220-
~1 •                  EF.N KN TWINTIGSTE Md.
groote bewonderaar, de II. JoanncsChry-
sostomus: .< Kon ik het hart van Paulus
» eenszieu, dat ruime hart, hetwelk steden,
» provinciën en koninkrijken omvatte ; dat
» wonderbare! hart, verheven als de hemel,
"Schitterender dan de zon, vuriger dan
•• vlammen, sterker dan diamant; voor-
« iruar, het hart van l\'milus, was lui kul
•  van Gkrithu z-elf!"
Paulus had dus zijn hart gelijk gemaakt
aan \'t II. Hart van Jezus. De liefde, het
medelijden, de ijver, de zachtmoedigheid ,
de nederigheid, de verachting van \'t aard-
sche, het geduld, al die deugden, welke
als lichtende stralen het II. Hart van Jezus
versieren, zij waren overgegaan in het hart
van Paulus, en na dat alles zegt hij ons :
•  wcest mijne navolgers, gelijk ik het hen
•  van Christus." Ons hart moet dus gclijk-
vormig worden aan \'t II. Hart van Jezus ,
en zoolang in ons nog ééne ondeugd wor-
telt, zoolang er ons nog ééne deugd ont-
hreekt, of er ten minste de werkdadige wil
niet is, om die ondeugd uit te roeien en die
deugd te verkrijgen, zoolang kunnen wij
niet zeggen, dat de waarachtige, wezenlijke,
-ocr page 221-
om^
EEK KX TWINTIGSTE DAO.                  U1 "t
tri-lit\'cli\' godsvrueht tot hot II. Hart in onze
ziel is.
Ons hart is ons gegeven, zou men
kunnen zeggen, als een ruwe, ongebeitelde
marmersteen , /.onder vorm of schoonheid,
dan die welke er God zeil\' ingelegd heelt bij
hel II. Doopsel. Hel kan een afbeeldsel
van \'t II. Hart worden , maar \'t is er nog
ver al. Wat helilien wij te doen".\' Uien
steen onophoudelijk te bewerken met den
IteiU\'l der versterving , der vernedering ,
des gedulds. Voortdurend moeten wij ons
oog gevestigd houden op het voorbeeld .
dat ons gegeven is in \'t II. Hart, door
slag op slag, stuk voor stuk moet alle
ruwheid en oneffenheid verdwijnen, totdal
eindelijk het heerlijke beeld van Jezus\' H.
Hart niet al zijne deugden ook in ons hart
zichtbaar wordt, fin och, of wij dien
arbeid voltooid mochten hebben op den
dag, dat wij worden opgeroepen tot ons
loon en tot de, eeuwige onafscheidelijke
vereeniging met het II. Hart van Jezus!
Dit liedoelde de II. Paulus, toen hij uit-
rien : •• Mijne kinderen , andermaal lijd ik
-ocr page 222-
w
>n°
\'-ê
aifi
KKM EN rWiMK.sTI, ll\\<;.
• voor ii de smarten der haring, tul Christus
< in n gevormd zij\')."
Kn zou er voor ons iets eervoller kun-
nen zijn, dan ie gelijken op Jezus Christus,
den God der Hemelen? «Gij zult als
» Goden zijn," had eenmaal de slang ge-
zegd tot onze eerste ouders, en zij waren
dwaas genoeg het te gelooven. Gelijk zijn
aan God, neen, die eer is voor een mensen
te groot ! Wat in liet (Inde Testament
vermetelheid was, dat is in het .Nieuwe Tes-
tament, onder deliefdewcl van Jezus Chris-
tus, gebod. Hij werd aan ons gelijk, Hij
daalde van de hoogc hemelen tot ons neer,
en wij , wij mogen niet alleen , maar wij
moeien tot Hem opklimmen, Hem gelijken
in deugd en heiligheid. Welk eene eer,
zegt de II. Cypriunus, aan God gelijk ie
zijn! Wat geluk, als eene deugd te mogen
bezitten, wat in God zelf geprezen wordt1).
Tot die eer en dat geluk zijn wij geroepen
door de liefdevolle vcrwaardiging van Hum,
die tot ons in het Evangelie zegt: Zoo
iemand zijn kruis niet opneemt en Mij niet
roli/l, deze is Mijner niet waardig.\'
1)     Gul. IV. 19.
2)     S. Oypr. lil), ilc liono patientiac.
"diTo
-ocr page 223-
BEN KN TWIXTIGSTK 1>\\<;.                  l\\ï
Vooroemenfk
I" Met kraehl gaan arbeiden nan de gclijk-
vonnigheid niet Jezus door zachtmoedigheid.
ootmocdighcid, verdraagzaamheid, versterving, enz.
:.\'" Dikwijls herliiilen : Mjjn Jezus, zachtmoedig
en ootmoedig van harto, iniuik mijn harl gelijk
aan Int uwe. (100 dagen Aflaat, mi. per dag.)
VOORBEELD.
rARABEI,.
f Xaar eeue grdarkte r. tl. II. Vrancitriu nu Salet.)
K.ene moeder luid een kind mui enkele jaren:
\'t was liare vrengdo en /ij de vreugde van bet
kind. Doch zie , daar nadert dr tijd der jaar-
lij ksehc aderlating, zooals die vroeger algemeen
gebruikelijk was. Op vooraf bepaalden dag treedt
de geneesheer binnon. Het kind heeft een appel
nut vangen en vermaakt zich daarmede. De ge-
iiccshecr haalt zijne werktuigen te voorschijn en
begint zijne bewerking op de moeder, liet kind
ziet toe /.ouder spieken. Daar vloeit eensklaps
het bloed der moeder en de geneesheer haast zich
het in een hekken op te vangen. Dat was te veel
voor \'t minnend kiuderhait. Het bloed zijner
moeder zien stroomen en daarbij ongeroerd blij-
ven , dat was niet mogelijk ; tranen vulden zijne
te voren zoo glinsterende oogeu en luide jaiunier-
k reten, als wilde men zijne moeder doodeu.
weerklonken dooi\' het vertrek. — De geneesheer
-ocr page 224-
_tóftq
vl-
BKN EX rWINTIGSTt I>.\\G.
stuit eindelijk het bloed , verzorgt de wonde en
vertrekt. Bleek en eenigszins verzwukt zit de
moeder neder; de tinnen in \'t kinderoog beginnen
te drogen. Toen vroeg ile moeder aan \'t kind
den appel, waarmede liet speelde ; maar, zijne pa.*
betuigde liefde vergetende, weigerde het kind. en
zoodoende deed het de moeder meer lijden door die
weigering, dan de geneesheer door zijne heilzame
wonde. —
Dat kind, zegt de II. r\'i\'aneiseus van Sales,
zijn wij. Ook wij worden gevoelig getroffen .
nis wij LoBginua zijne lans zien opheffen,
zien toeatooten , Jezus\' Halt doorboren . en bloed
en water uit dat minnend Hult zien vloeien.
Maar als dat Hart een offertje van ons vraagt .
een bedwingen van ons ongeduld, eene vernedering,
eene kleine versterving, een vuriggebed, waarmede
wij Het zouden kunnen vertroosten, dan weigeren
wij Het en bedroeven alzoo dut minzaam Hart ,
dat zooveel liefde, zooveel dankbaarheid van ons
verwachten mocht.
GEBED.
o Bewonderenswaardig Hart van Jezus, Bron
en Toonbeeld aller deugden , o Spiegel , waarin
ik mijne eigene gebreken en onvolmaaktheden zoo
duidelijk besehouw, zend een straal van uw lieht
en een vonk van uw vuur op mijn hart, opdat
die vlam daar alle roest van zonden mogen weg-
branden.
cUJcz\'S
\'•XïUj
-ocr page 225-
°c&*
-/?n °
m
Twee en twintigste Dag,
Hot 11. Hart van Jezus, ons Voorbeeld
van /.nclitmocriitrhciil.
__Jkn schoon gezicht iruK:t het geweest
w^cvziji\', den I «minnelijken Verlosser te
/.ion neerzitten, op do groene heu-
volon \\iin Palestina, omringd vnn zijne
luisterende leerlingen, op hunne beurt om-
ringd van eene talrijke schare, die in steeds
broeder kringen zich uitbreidde, en waar-
van zelfs de vcrsial\'staaiide nog een klank
trachtte op te vangen van die heniclscho
stem, die met onweerstaanbare zachtheid
en toch niet nadruk zoo sehoone \\vaar-
hedeu verkondigde. Weer zat Hij neer
tin sehoone gelijkenissen ontrolden aan zijne
lippen. Toen zond Hij twee en zeventig
der zijnen naar alle stad en plaats, waar
^m
-ocr page 226-
^m
Hij zelf zon komen \'i. Geld of goed gaf
Hij hun niet mede, maar leeringen zoo
schoon en toch zoo eenvoudig, dal godde-
lijke wijsheid in ieder woord doorstraalde.
Hij I«sloot ze niet deze woorden : *Xeemt
» mijn juk op u , en leert run Mij, dat II;
i\' zachtmoedig en nederig van harte ben, en
• gij zuil rust einden voor mee zielen ; want
» mijn juk is zoet, en mijn lust is licht."
Leert van .Mij zachtmoedig zijn ! Wat
trok die scharen niet zoo onweerstaanbare
macht tot zijn landelijker) leerstoel? Wat
trok de zondares Magdalcna tot den Heer,
niet. zooveel kracht, dat zij eene vurige
minnares des kruises werd? \'t,Was, zest
de 11. Angnstinus , zijne zacht moedigheid ,
die te lezen stond in den blik zijner oogen,
in de woorden zijner lippen, in de gebaren
zijner hand, in den nooit, gestoorden glim-
lsich van zijn mond. Voorwaar, gt\'üjk de
bijen om den honig, zoo verzamelen zich
de menschen om de zachtmoediger).
Wat. is zachtmoedigheid ? \'t Is die kalme
gemoedsgesteldheid , waardoor wij zonder
li Loc. \\ , ] et seqq.
Sfen
-ocr page 227-
*m
TWEE EX TWUTTIGSTE I • A <;.
onrust ;il liet onaangename verdragen, wal
mis overkomt. Dut onaangename mag on*
aaugedaun worden door onwil ofon\\vctcud-
lieid van anderen, o!\' wel worden meege-
hr.ichl door een samenloop van omstumlig-
heden, waaraan de mensch niets veranderen
R>i11, de zachtmoedige lilijt\'t kalm, gelijk
aan die rotsen in de zee, welke door goll\'
en storm voortdurend worden gegccseld ,
maar te midden van alle gewoel rustig
daar staan . als gebeurde rondom niets.
Zoo was het Goddelijk Hart. Welkllarl
is ooit meer bestormd door allerlei lijden,
dat werd aangedaan door den onwil der
oenen, door de onwetendheid der anderen ".\'
Welk Hart verkeerde ooit in pijnlijker
omstandigheden ".\' Als maar de wil zijns
Hemelschen Vaders geschiedde, dan kon
de gcheelc wereld samenspannen, om Jezus
te doen lijden. Hem te belecdigeti, Hem
het bitterste verdriet aan te doen , - - zijn
goddelijk Hart lileef kalm , zucht, zonder
bitterheid, gelijk aan die parelsehelpen in
de zee, welke door het zeewater zijn
omringd en geslingerd worden naar alle
kanten , maar nooit een enkel druppeltje
-ocr page 228-
____________________________rus
m
THKE EK TWIXTIOSTE DAO.
van bitter zeewater in zich opnemen1).
In de armoede te licthlclicin . in de ont-
beringen van tic bange vlucht naar Egypte,
hij het zure brood der ballingschap in
dal land, aan de schaafbnnk van Jozef,
ti\' midden van ontelbare volksmcnigtcn,
omringd door Pbarizeërs, gefolterd door
heulen, verlaten op Calvariê, altijd was
dal Hart even rustig en kalm, als toen Hij
te midden van storm en onweder in Petros\'
scheepje sluimerend neerlag.
(lod , welk een verschil met ons gedrag!
Wij zoeken ons zelven, mis eigen gemak
en voldoening, en wij wenden het oog af
van den wil en de glorie Gods. Vandaar
onrust, onverduldjgheid , driftigheid , die
in ons opkomen en waaraan wij toegeven,
zoodra de omstandigheden aan ons gemak
en onze eigene voldoening in den weg staan.
Kn o, wat is er dan weinig noodig, om
al onze voornemens van zachtmoedigheid
in rook te doen opgaan ! Verandering van
weer, hitte of koude, regen of zonneschijn,
teleurstelling in verwachtingen, ongesteld*
hcid en ziekte, tegenval in den arbeid ,
11 H. Franc, v. Salrs.
^ïtë
-ocr page 229-
oj-vöo______________________________________
TWEE ES TWDJTIOSTE IU«S.               i\'&i\'
ren misstap , «\'en fout, ecu gebrek , och
hoc dikwijls doen zij in ons hart een storm
ontstaan , dien wij bij alle pogingen niet
kunnen liedwingen en waarvan aanstonds •
ons gelaat de teckenen draagt!
Hoe gedroeg zich het 11. Hart ten op-
zichtc van anderen\'.\' Daar is geen klas
van personen , niet wie onze Heer meer
omging, dan niet het geringe volk. Armen
omringden Hem , zieken lieten Hem geen
rust; de meesten zijner Apostelen waren
ruwe , ongeletterde , ja door en door on-
wetende mannen, goed van bedoeling,
maar vol gebreken ; Hij wijdde aan hen
moeite en zorgen, om hen te onderrichten,
Hij herhaalde hun zijne gezegden, kleedde
zijne leer in bevattelijke gelijkenissen en
wanneer Hij zich aldus vermoeid had, dan
toonden zij door hun gedrag en hunne
woorden, dat zij weinig of niets van zijne
leer begrepen hadden. Ondank was zeer
dikwijls zijn deel, smadelijke behandeling
van Schriftgeleerden en Pharizeërs zijn
dagelijksch brood; de Samaritanen belee-
digden Hem zoozeer, dat Joannes en Jacobus
verontwaardigd het vuur uit den hemel
-ocr page 230-
224            ihki: i;x twdstigste dag.
wilden doen neervallen op hunne stad; de
schijnheiligheid der schriftgeleerden, de
spotternijen der Sadduceën , de kaakslag
hij Calphas , de pijnigingen der heulen,
de veroordceliug door PUatus , de lastc-
ringen van den moordenaar aan \'t kruis ,
waren allerbitterst, en het duizendste ge-
deelte 7.011 voldoende geweest zijn , om de
zachtmoedigheid van een Heilige aan \'t
wankelen te brengen. Maar \'t 11. Mart \\\'
Kalm verschijnt het overal te midden dier
stormen , rustig , zonder wrevel , zonder
bitterheid , zacht en gedwee, gelijk een
onschuldig lam te midden van grijpende
wolven, die het van alle kanten omringen ;
als een schaap, dat ter slachtbank geleid
wordt, zonder zelfs den mond te openen.
.Ia, zoo groot was die zachtmoedigheid, dat
de H. I\'aulus de christenen van Corinthe
bad en bezwoer « bij de zachtmoedigheid
»en goedheid van Christus\');" hij ver-
onderstelde , dat zij van die zacht moedig-
heid een onuitwischbaar beeld in hunne
zielen droegen.
Soms toch zien wij \'s Heeren oog fonke-
1\' -\' Cw. X. 1.
-ocr page 231-
off2"
r« . i in i\\\\ in iK.s ii: hal
Ion, zijne stom Irililo, /.ijno handen hiel\'
Hij ii]1 en geosels tlood Hij noorkoiuoii op
ilo koopors
on verkoopers in don tempel.
Waarvoor was lui".\' (lm ons te loorcn,
ilstt ilr/.r los van Ihivïtl /.oor (jood uitvoor-
haar is:
          Il ijmm en yimHijl niel1);
om ons Ie looron, dal heilige verontwaar-
< 1 ii_cfiïix geheel iots anders is. dan drilt on
opvliegendheid.
!>ai II. Harl was zaehl , wanneer Jozef
en Maria hunne lieftallige lievelen gaven ;
geen wonder; wrik hart zou hij zulk
oen
omgang niet zacht zijn ? Juist daarom
heeft dal II. Hart ook zaehl en k;ilin
willen hlijven, torn onrechtvaardige reeh-
ters en wreede kruim Hein harsch hovalon
het kruis op zijne schouderen te nemen
en zich er op uit te strekken, om ons te
loeren niet alleen
zachtmoedig te zijn ten
opzichte van welwillende personen , maar
ook ten opzichte van vijanden en vervol-
gors, en geen drift te laten Wijken, al
geeft uien ons op barsohen toon hevelen ,
die men misschien liet recht niet heelt ons
1; P». IV. 5.
-ocr page 232-
\'J-.Y,
TWKE EN TWISTir.STK ll.Ui.
te. geven, o Wiiiirlijk goddelijke zaehi-
mncdigheid !
Hoc gedraagt ach ons hart in den om-
gang met anderen? Waar menseben zijn,
daar zijn incnsclielijke gebreken te vt»rdra-
gen , daar valt altijd iets te lijden; maar
hoc lijden wij het? Hoc dikwijls toonen
wij dan in den omgang, zelfs met onze
vrienden, dat het zoo moeilijk is zich
zclven te hezitten en altijd gelaten en kalm
te zijn, wat ons ook overkome. Och, ol\'
wij toch eens leerden van het Goddelijk
Hart, dat hel gecne kunst of deugd is,
om te gaan met personen zonder gebre-
ken , maar dal hel waarlijk deugdzaam en
verdienstelijk is om te gaan met personen,
die veel gebreken hebben, die ons doen
lijden , en ons tegenwerken , dikwijls zon-
der dat zij het zelf bemerken. Hoe gerust,
zonden wij dan ons leven slijten , volgens
de woorden van \'t II. Hart zelf: Zalig zijn
<lc zachtmoedige» , want zij zullen de narde
bezitten
, en : leert van Mij zachtmoedig en
ootmoedig te zijn
, en f/ij zult rrntl einden
voor mee zielen
\').
I) Ml. XI. 2».
-ocr page 233-
OCTt)j
TWEE ES TWIXTIGSTE HA<i.
Voornemens.
1° Alle ongeduld zorgvuldig bedwingen <ni
kwaad mei goed vergeldeu.
~° Alle hevigheid en onrusl in handelen vcr-
mijden.
•\\° Dikwijle herbalen : Mijn .le/.ts. zachtmoedig
in ootmoedig fan Harte, maak mijn hart gelijk
aan liet uwe. (AH. •\'!(•(• dagen, eens .per dag.)
VOORBEELD.
Niemand der latere Heiligen heeft het wellicht
in de navolging der zachtmoedigheid dea Hcereu
verder gebracht dun de beminnelijke II. Francis-
cus van Sales : men behoeft zijne levensbeschrij-
ving ilechti open te slaan , om o» iedere blad-
Zijde de bewijzen er van te vinden.
Keus was hij te Gelieve en had daar mei den pre-
dikant Lafaye een openbare twistrede over het
geloot\', welke drie men duurde. Het dispuut liep
over de eenheid der Kerk, over het II. Sacrament
des Altaars en de II. Mis, over de goede werken,
het vagevuur , de vereering der Heiligen en nog
andere leerstukken. De predikant werd op alle
punten geslagen. In plaats van zieh gewonnen
te geven, barstte hij in hevigen toorn uit en
begon een stortvloed van scheldwoorden tegen
r\'ranciscus uit te binken. Drogredenaar, toove
okil/
-ocr page 234-
:.\':.!->               nvi.i; i..\\ rwixn<;sri: \\t\\r,.
ïiiiiir, ve.lschc profeet , ilio iluur /.ijnu gladde lont;
ilo lolkercn verleidde, dal alles en nog meer
moest Kraneiscus hoorcn. Deze bleet\' zoo kalm,
die uitbarsting van toorn hem niet iu hel
minste iiuiicïinur. Somuiiïre Katholieken, die er
tegenwoordig waren, schenen echter mei de/c
handelwijze van Kraneiscus iu \'t geheel niet iu-
gcuoiucn en klaaïden over zijue bedaardheid; /.ij
zondeu getild licbhen, dai liij den predikant
met uolijke munt betaald had en zieh zoo in
"l openbaar niet onbestraft had moeten laten be-
lccdigen. Maar Kraneiscus antwoordde hun : „On-
„ze Hi-er heeft immers de ware leer altijd op ecne
„beminnelijke wijze verkondigd, en ik moet toch
„de bewonderenswaardige «-11 zeer voorzichtige
jzc mijns Meesters tot voorbeeld nemen.
.. lii.i toeh is de opperste Wijsheid . die zich niet
,, bedriegen kan. Nooit lul) ik Ulij van scherpe
„antwoorden bediend, of ik heb er naderhand
.. >j>>;; van gehad. Men wint dr menschen veel
.. nieer door liefde, dan door strengheid; wij
... moeten niet slechts goed , maar zeer goed
„ zijn." — Als dan ook de ketters (umi op straat
nariepen en hem bclccdigende scheldnamen gaven,
dan deed hij juist alsof hij het niet hooide en
antwoordde niet anders dan door minzaam ziju
hoed at\' te nemen of hen, die hem beleedigdeu,
zeer beleefd te groeten. (1)
1) (Ilaiiion , Vie de Si. Fr. de S.)
-ocr page 235-
TWEE K.N TWINTKISTE l>A«i.                --U
GEBED
*/*v II. kW*.
o G ui j die. door liet geduld v;in uwen KiMi:re-
lion-ii Zoon. ril-u hoogmoed van den ouden vijand
heul vernederd,
irer! ons, snieeken wij, dal wij
:il hetgeen Hij voor dus
verdroeg, v.: .
i ovenveiren en zoo naar zijn voorbeeld al
wal ons legeiignal uict gelatenheid muiren ver-
dragen. Door den/elfden Jezus (.\'hrïslus, uwen
Zoon,
onzen Heer, die i:iel 1 leef) en heersehl
in dr eenheid van den II. Geest, God in alle
eeuwen der eeuwen. Amen.
-ocr page 236-
Drie en twintigste Dag.
Hel H. Mart, ons Toonbeeld van
Ootnoedlrheid.
is geenc ondeugd op.de wereld
ui algemeen als de hoovaardigheid,
zegi de II. Franciscns van Sales.
Alle menschen hebben die overgeërfd van
onze eerste ouders, die zich uit hoovaar-
digheid , uit verlangen om aan God gelijk
te zijn , tot hunne eerste zonde lieten ver-
leiden. Daarom, zegt diezelfde Heilige,
kwam Onze Heer op de wereld, om daar
in plaats van den trotschen boom der
hoovaardigheid een nederig plantje te
zetten; dat p
5
lantje heet ootmoedigheid.
Hij verzorgde het met teedere oplettend-
heid, om het wortel te doen schieten
en welig te doen groeien: daarom gal\'
Éfe
j
-ocr page 237-
ÏP-
Ï3]
I -1:. I ES TWINTIGSTE DAO.
y.ijn II. Hart ons de schoonste vooriieekk\'ii
en lessen der allerdiepste ootinocdigheid.
Leert run Mij ilttl Ik ... . ooimoedig run
harte ben.
.Ju waarlijk , de Heer mocht zich ten
voorbeeld stellen van ootmoedigheid ; want
gelijk Hij volgens zijne goddelijke natuur
verheven was hoven alles, wat geschapen
is, zoo heeft Hij zich volgens zijne nien-
schelijke natuur heneden alle schepsel ver-
nederd door zijne ootinocdigheid. « Hij
» heelt zich vernederd" , /.egt de II. l\':in-
lus, •gehoorzaam geworden tot den dood,
»ja tot den dood des krnises; daarom
•> ook heelt liod Hem verheven en Hein
» een naam gegeven , die hoven alle namen
>• is, opdiit in zijn n
7
aam alle knie gebogen
«worde van die in den Hemel, op de
• aarde en onder de aarde zijn\'i."
Leert van Mij ootmoedig zijn. Hoort
gij het \\\' zegt de II. Aiigustinus; de Heer
zegt niet : leert van Mij een wereld vor-
men, en al wat er is, zichtbaar ofonzicht-
baar, uit niet voortbrengen, — of won-
deren doen op de wereld, — of dooden
]) Philip. 11. 9.
cxj.
m
-ocr page 238-
SBR
:Q
°
>
DUIK i N TUIXTKiSTK HAi:.
verwekken, iiiiiai\': leert vmii .Mij zaeht-
:!\'• >-•<Iiir en ootmoedig ti- zijn.
Waar leerde liet II. Hart ons die oot-
uiocdighcid ".\' (1:: naar den stal tan l!clh-
lohem en vraag aan dal arme Kind ,
dal daar ligt : o Zoon van (\'nul. waar is
uw troon, uw paleis, uw tempel, uwe
eerewaclil \'.\' Nel zal u zeggen : 11: mr.n-
sehen hcroeuicn zich op hunne gchoorte;
wijn roem is, door te 551:111 voor den z 1011
van oen annen handwerksniau. Mijn
troon is eene krililie ; mijn palcis en mijn
tempel een stal: mijne eeivwacht een os
•\'ii een ezel! (iji naar den werkwinkel
van Jozef en vraag daar aan dien Jonge-
liiiU\' mei heinelsehe gelaatstrekken : o
Zoon van Havid , waar is uw konings-
sellepler \'.\' Kil Hij zal 11 eene schaaf ol\' een
heitel iconen , zeggende : do menseden hc-
roeincn zich op hunne rijkdommen , mijn
roem is ara; te zijn, zoo arm, dal ik
weldra geen steen /.al bezitten, 0111 mijn
hoofd daarop neer to leggen.— De menscli
heroemt zich op zijn verstand ; - Jezus
verbergt zijne goddelijke wijsheid onder
liet uiterlijke van een kind; —de mensch
-ocr page 239-
>
Dc" "\'3£
c
LUUK IN TWIXTHISTE IIAIS. 233
verlangt naar eer en aanzien, en Jezus"?
Hij vlucht als in.\'ii llciii koning wil ma-
ken ; dc mciiscli verlangt, dat dc heclc
wereld zijne \'roede daden Iv-nne . Jezus
doet zijne wonderen liefst in <tilte ; -
di! mcuscli verlangt gediend te worden
door anderen, Jezus zegl luide: Ik hen
niet gekomen , urn gediend Ie irorilen, innur
om Ie iiirnenl\\,
en Hij liewecs dan ook
zijnen Apostelen den alliTncderigsten dienst
iler voehvassching. IX; inenschen ont-
vluchten alle vernederingen ; zij willen de
eersten zijn . de meest geprezenen , en
Jezus*/ Gelijk de menschen de eer naja-
gen, zoo betrachtte zijn Marl de \\erne-
dering, Hij doi\'stte er naar. Hij zocht ze
overal op, zij was zijne Iror.we gezellin
tot aan zijn laasten snik ; want tot op
het kruis wilde Hij, de Rechtvaardigheid
zelve, nog doorgaan voor een misdadiger
en hangen tusschen twee hoosdoeners, als
was Hij de grootste van allen ! » o |,nat-
« ste <\'ii hoogste, der inenschen . o \\ede-
« rige en verhevene ! o Schande .Ier men-
i\' selien er. glorie dei- Engelen ! Voor-
f
r
l) Mare. \\. 45.
ÏÏ T"
e
3
o
ilc,J ~-OJ»J
o
-ocr page 240-
234                 DKIE EN TWIUTIBSTK DAG.
» waar niemuad is zoo verheven en nie-
•  mand zoo veme<lerd !" roept de II. Iter-
nurdus uit : en de II. Augustinus zegt :
«< Wanneer ik don naam van Christus
slechte noem , dan beveel ik reeds de
•• ootmocdigheid aan." Hoe zouden wij
dan l>ij zulke voorbeelden . zijne lesten niet
aannemen.
« Die zich verheft, zal vernederd worden
en il ie zich vernedert, tal rei lieren worden1)"
zoo leerde Mij. En toen zijne leerlingen
eens twistten om den voorrang, zeide Hij
hun: « Indien gij niet wordt ais kleine kin-
" deren
, :nll (jij liet rijk der Hemelen niet
» ingaan*)."
Als kinderen moesten zij
worden . zonder hoogmoed , zonder eigen-
dunk, zonder vrees voor vernedering. En
l>ij eene andere gelegenheid vermaande Hij
hen dringend : « Hat degene, die de eersle
wil zijn
, de dienaar worde run tillen*)."
En wat anders zou zijn doel geweest
zijn met de parallel van den l\'harizeër en
den Tollenaar, dan aan zijne leerlingen en
li Luc. XIV. 11.
2) Mt. XVIII. 3.
8) Val. Mt. XX. 20.
-ocr page 241-
OpfcX?
DRIE KX TWfNTIOSTK DAO.                 235
;i;in ons aanschouwelijk Voor li\' stellen .
(lilt wij nederig moeten zijn ten opzichte
van God en van den evennaaste\'.\' Zie,
zoo scheen de Heer te zeggen, de l\'harizcër
verkreeg niets, omdat hij in zich /elven
liehagen nam en zich lieter achtte dan
den tollenaar. Deze echter erkende voor
God een zondaar te zijn , hij klopte op
zijne horst, vernederde zich en ging gi*-
rechtvaardigd heen.
Ootmoedigheid is waarheid , zegt de II.
Tercsin. Dnl wil zeggen : de ootmoedige
lichoel\'t niet hlind te zijn voor de goode
eigenschappen , deugden en genaden , die
hij bezit; neen, ook het Goddelijk Hart
08825611
erkende in zijne menschelijke natuur eigen-
schappen en voorrechten, die Hem de ach-
ting van Engelen en menschen waardig
maakten; maar om ons in alles ten voor-
beeld te zijn, zocht dat Goddelijke Hart
die achting niet, en als men ze Hem wei-
gerde, beklaagde Hij er zich niet over.
maar verdroeg het in stilte ; van al wat
Hij in zijne menschelijke natuur bezat,
gaf Hij de glorie aan God , zijnen Vader.
Kn Hij deed dit tot onze onderrichting.
-ocr page 242-
o p\\~£> 3 vSf}
o
f
4 i-
:--:\')i\'i uuii: i:x nviXTiiiSTK nu;.
Zon (\'nul mis gaven cii genaden scheukt .
die ons hoven anderen doen uitschijn n .
\\v:t1 hchhcn wij ihm Ie doen \'.\' Die gaven
>ii Lifm:m!• -ii hij ilc inenschen ir doen ::v|-
di-\'i\'? hr de eer en achting voor te eischen,
\\v:i:irn|) zij ons rechl schijnen\'te geven\'?
Il; hcclï In i !!. 1 liirl ons anders gclc-rd
divii\' woord in vnorheeld,. ja zelfs door zijne
hedreigiugeu : want niet eene zekerheid .
die nooil falen k:m , zegt Hij: lür i-ich
rcrhrfl . yil rernederd worden,
/uilen wij
ons dan hcklagen , als Uien "lis i\\r rei-
en lichting niet geelt . waarop wij recht
llieenell te hchhcn \'? Neen . Zegl ons liet
1!. Ilnri . neen: ii\'iinl ah gij alles zult
ijnhtuu hebben, umi (jij moest doen, vijl dun
"".\'/•\' "\'(/ \'\'ju onnutte dienstknechten, dit
enkel gedimn heleen, wal wij moesten duen\').
\\V:il gij ook doet, ol\'wat gij ook aan deugd
lie/it , \'t zijn gaven van God , die ze even
goed min een niider luid kunnen geven.
I\'ci\'iiein u er niet op; want heelt een heitel
Wel hel l\'echl zich te licl\'oeliieii op hei
hecld , dat de meister door zijn toedoen
n
i
1) Lui: Wil. 1(1.
i r
1
OJ
\'j(<ys -oü
o
-ocr page 243-
m
gebeeldhouwd heeft; of heeft hi\'l penseel
reden imi groot te gaan op hut schilderstuk,
diil de hand van den schilder vcrvaardig-
<!(.•".\' /;\'//, zegt de II. l\'nulus , irnl held gij,
ilul gij niet ontvangen hebt\'.\' En ah i/ij
het ontvangen helt
. iraiirinn verheft gij er
n il.;,, u/i
, alsof gij hel niel ontvangen
hebt1):\'
\\V:ii vraagt dan het II. Ilarl van ons-/
[hit wij de nederigheid liefhebben . niet
echter de nederigheid, die enkel in woorden
bestaat , maar in daden , in liet lieniinneii
der vernederingen un \'l<\'i\' berispingen ;
want zoolang men deze niet bemint un in
dank van Gods liaiul aanneemt , i^ men
niet waarlijk ootmoedig. kn , zegt de II.
Ilernardus , velen zijn nederig in woorden,
maar weinigen in het hart. Geef glorie
aan God alleen , schrijf aan Hem het \\vel-
slngun uwer pogingen toe ; en erken hel
in alle oprechtheid , dat gij slechts stof
en asch z.ijt, die geenu eer un achting
waardig zijt, maar enkel, gelijk de II. Paultis
zegt, verdient behandeld te worden ah hel
uitvaagsel der wereld,
dat vertreden en
1) I. Cor. IV. 7.
st
-ocr page 244-
IXb                 llllli: EX TWINÏ\'u\'.STK DAG.
weggeworpen wordt. <> Ootmoedig Ihiri
vim Jezus, genees door uwe nederigheid,
de hoovitiirdigbcid onzer hnrten !
"Voornemens.
lu Nooit zonder noodzakelijkheid vim onszel-
veu spreken , \'r /ij goed ot\' kwaad.
i" Zich in zijni" eigene achting uict op iets
rerheflen ; maar hij voorspoed alle glorie aan
God geven en hij tegenspoed alle vernedering
kalm aanvaarden.
:i" Vurig bidden om de dcuird van ootmocdig-
beid.
VOORBEELD.
Kens sprak de Geluk/. Margareta .Maria van
/ich zelve en gat\' ilaarhij toe aan een gevoel van
eigenliefde. Toen /ij alleen was, verscheen haar
de Zaligmaker met een streng gelaat en herisple
haar ernstig : „Wat hebt gij , stof en nsch, wnar-
over gij u kunt beroemen P Gij heht van u zelve
slechts nietigheid en ellende; dit moogt gij niet
uit het oog verliezen. .Maar opdat gij door de
grootheid mijner gaven u zelve niet zondt mis-
kennen, zal ik u de gesteltenis uwer /iel laten zien."
Toen zag zij in een tafereel al hare zonden , ge-
breken eu onvolmaaktheden. Dit gezicht veroor-
zankte huur een zoo levendigen afkeer van zich
zelve , dat zij bijna in onmacht viel. Zij riep
o~&
*>^>                                                                                                         - ? U o
-ocr page 245-
o fj£>3_____________________________________
DUIK ES TWINTIGSTE l>AO.                 23U
uil : „o Mijn God, doe mij sterven of verberg
mij <lit gelicht; ik kun bij bet zien er van niet
leven.\'\' Zij ging zich nu van hare fouten br-
gchuldigen bij bare Overste en verzocht baar om
eene penitentie. Hoe streng ileze ook was , zij
kwam aan Margareta uiterst zaebt voor, in ver-
\'.\'elijking met die, welke de Heer baar door dat
gezieht bad opgelegd. (Vie de la B. M. M. Alac.)
GEBED
det 11. Kerk.
o Ciod, die aan de hoogmoedigen weerstaat
en uwe genade verleent aan de nederigen , geef
ons de dcusrd eciicr ware ootmoedigheid : uw
eenigc Zoou beeft daarvan aan de gcloovigen in
zich zelven een beeld getoond ; geef ook, dat wij
nooit door onzen booirmoed uwen toorn gaand*;
maken, maar veeleer door onze nederigheid de
gaven uwer genade mogen verwerven. Door den-
zelfden Jezus Christus, uwen Zoon, onzen Heer,
die met U leeft en heerscht in de eeuwen der
eeuwen. Amen.
Isa\' tó/\'-MV \\£n
-ocr page 246-
Vier en twintigste Dag.
Ilrl !l. Hart, ons voorbeeld van mede-
lijdende miastenl iefde.
j
• r2Li\\ ben niet gekomen om gediend
\'. i. worden, maiir om te dienen \'|,"
zegde eens de Heer tot zijne A|hk-
telen ; door die woorden gaf Hij te kennen,
dat zijn llarl te allen tijde liereid was, om
allen in alles van dienst te zijn. Niemand
zondert ilij uit, aan allen /al Hij zijne
diensten bewijzen; ook geen dienst zal
Hein ie /.waar, te vernederend oftoinoei-
lijk zijn ; Hij zal zich geheel, toewijden aan
den dienst van zijnen medemensch, alle
gelegenheden zal Ilij zoeken en te baal
nemen , om de meest mogelijke liefde op
de liefderijkste wijze te betoonen. Wij,
nienschcn, wij zien dikwijls op liet uiter-
1) .\\lt. XX. ±1. scq.
UI
-ocr page 247-
Jppj
VIEIt EX TWINTIGSTE I1A0.                241
lijkc alleen; en wij meenen voor liet heil
des naasten al veel gedaan te hebben, zoo
wij tle armen in hunnenlichamelijken nood
bijstaan ; voor hunne zielen te zorgen, dut
meent men meestal aan priesters en kloos-
terlingen te mogen overlaten. Maar tot
beide, tot ziel en lichaam, strekte zich de
medelijdende liefde van Jezus\' II. Hart uit,
en daarin was Het ons aller voorbeeld ,
want, zoo zegde Hij ons allen: Bemint
elkander
, gelijk Ik u heb liefgehad.
Welnu, hoe beminde het H. Hart van
Jezus den naaste ? Zonder onderscheid
van personen. Daar waren onder degenen
aan wie Hij weldeed, armen en rijken,
zondaars en rechtvaardigen , wijzen en
onwijzen, vrienden en vijanden. Allen
beschouwde Hij als kinderen van zijnen
Hemelschen Vader, in wier zielen het beeld
van Ciod onuitwischbaar gedrukt was. Hij
zag door het lichaam heen , en ol\' nu dat
lichaam bedekt was met lompen ol\' met
rijke kleederen, — of iemands manieren
hem deden kennen als van hooge geboorte
of wel als behooreude tot de lagere volks-
klassen , zijne liefde was dezelfde.
in
-ocr page 248-
*%
242
VIER ES TWINTIGSTE DAO,
\\\\ i\'lk groot deel onzer acht
Kii wij
ng
en liefde wordt ingenomen door stuud,
rijkdom <\'ii vertoon, terwijl de arme eti
geringe zoo dikwijls uit de hoogte wordt
behandeld, als hij niet wordt veracht!
(I|> wie daalden de weldaden des Herren
in ruime mate neer"? <lp mensrhen van
allen stand; maar hij voorkeur op dezulke,
van welke Ilij geen vergelding verwachten
kou. Kreupelen en lammen en liezeteiien rn
inelaatschen waren dikwijls zijne omgeving.
Waar leest men, dat Hij er ooit een enkelen
heeft afgewezen \'? Verbeeld u dien hemin-
nclijkcn Verlosser, omringd van dat leger
vim zieken ; zie , hoc Ilij voor allen een
minzamen glimlach , ecu troostend woord
over heelt; al zijne manieren kenmerken wel
een hooger wezen en Imezemen eerbied in :
maar niets strengs, niets afschrikkends inzij-
iic wijze van doen; aan niemand laat Hij zijne
meerderheid gevoelen. Was het Hem ooit
te veel, wat men Hem vroeg"? Dat zouden
ons de Apostelen kumirn zeggen, welke op
dien tnerkwaardigrn avond, toen de Heer
vermoeid neerzat, de moeders met hare kin-
deren wilden beletten te naderen. « Laai
-ocr page 249-
n
VIKH KN\' TWtXTrflSTK 1>A0.
de kleinen tot Mij komen ," zoo gelastte de
Heer en Hij vergat zijne vermoeienis om
hunnentwil.
Kn wat kon Hij voor dat alles terug
verwachten *.\' Niets, of wel het gewone
loon der wereld : ondank. Maar hij wilde
ons daardoor een voorbeeld geven van be-
langelooze
liefde. Och, of dat voorbeeld ons
leerde, ook in de bewijzen van liefde, die
wij den naaste geven, altijd belangeloos
te zijn. Wellicht is op ons dikwijls dat,
woord des lleeren toepasselijk: .!/*• gij
aan hen weldoe!
, die u weldoen , wat loon
hebt gij dan \'.\' Dat doen ook de heidenen
\').
Dikwijls, zeer dikwijls riep Jezus zijne
vvondermacht te hulp, om zijne liefde te
toonen. Hij den ingang der stad Xaïm
ziet Hij eene weduwe, die weent over den
dood van haar eenigen zoon. Medelijden
vervult Jezus\' Hart, en zelfs zonder gevraagd
te zijn schonk Hij aan den zoon het leven
en aan de moeder de vreugde weder. Hij
ziet de scharen, die Hem volgen ; zij hebben
honger en zullen misschien bezwijken.....
1) .\\lt. V. 47.
"sfe^
-ocr page 250-
or|c -_______________________________r/Sp
~- 244                 VIEK EN TWINTIGSTE DAO.
Tot tweemaal tot\' doet Hij, vervuld van
medelijden, de woestijn getuige zijn van
eene wonderbare broodvermenigvuldiging.
Du opwekking van Lazarus, van Jaïrus\'
dochtertje, en honderd andere wonderen,
die de II. Schriftuur vermeldt, deed Hij,
om ons te toonen, dat Hij den evenmensch
beminde, en dat ook wij, in navolging
van Hein , onzen evenmensch beminnen en
dienen moeten.
Wat zouden wij zeggen van een konings-
zoon , die hel paleis zijns vaders verliet
en zich toewijdde aan den dienst van ecu
doodarm huisgezin? Wel groot moet de
liefde van dien prins zijn voor die arme
lieden. Welnu, dat heeft Jezus gedaan
en met de meeste bereidvaardigheid. Zie,
Nicodemus vraagt om in den nacht hij
Hem te mogen komen : en Jezus was ook
des nachts bereid, om Nicodemus te onder-
richten. De menigte drong Jezus om Hem
te naderen, men liet ein geen rust, zoo-
dat zelfs zijne dierbare Moeder moeite had,
.om tot Hem door te dringen\').
Wat du christelijke naastenliefde ook
l) lair. XI , -\'7.
-ocr page 251-
irp----------------------- _^
VIKR KN TWISTHiSTK D.U;.                 2 ;>
doe, wat wonderen zij ook nitwerke aan
liet ziekbed, in de verpeste lucht der
gasthuizen, in den mok der slagvelden ,
altijd zal zij ver beneden die liefde blijven,
welke Jezus\' 11. Hart den evennaaste be-
wezen heeft; omdat, zijne liefde, zijn mede-
lijden het voorbeeld is, waarnaar alle andere
liefde zich regelt en die wij wel bewonderen
en prijzen , maar nooit ten volle evenaren
kunnen, al waren wij een H. Vinccntins a
Paulo of een St Jan de Deo.
Maar wat te zeegen van zijne mede-
lijdende liefde voor de zielen, voor de
zondaars, niet alleen die toen leefden, maar
voor allen, die in den loop der eeuwen
dien ongelukkigen naam zouden dragen\'?
Denken wij eens terug aan de dagen,
dat de Heer nog op deze wereld van stad
tot stad ging en uit zijn Hart zoete woorden
op zijne lippen kwamen. Als Hij wandelt
over de heuvelen en vlakten van Judea ,
omringd van zondaars en tollenaars, hoe
noemt Hij zich 1 Ken herder, die zoekt
en roept en zich vermoeit,, om het ver-
loren schaapje weer te vinden; een vader,
die reikhalzend uitziet naar zijn schuldigen.
O Ucyj
- H
-ocr page 252-
g-srvo
246
Vlt.K ES TWINTIGSTE l>V(i.
inaar terugkeerenden zoon; — eene huis-
moeder, die het verloren geldstuk opzoekt,
licht ontsteekt, hare woning uitveegt en zich
verheugt, als zij hel vindt. Ja zelfs, —o
wonder der onuitputtelijkstc teederhcid! —
Hij vergelijkt zich hij eene teederc hen ,
die hare kuikens onder hare moederlijke
vleugels wil verzamelen. Ja, het Goddelijk
Hart beminde de zondige zielen, liet zocht
ze o|>, liet riep ze, Het Ix-legerde ze ;ils
\'t ware, gelijk een veldheer eene stad, om
ze in te nemen\'en te hezetteu; Hij at niet
hen, overlaadde ze met goedheid, bewoog
hun hart, om hun te kunnen zeggen : uwe
vmden worden u vergeven.
Dat bewees Hij
aan eene onteerde Magdalena, aan ver-
aehte tollenaars, aan schuldige vrouwen ,
aan den moordenaar op\'t kruis; daarvoor
stortte Mij zijn zweet, vergoot Hij zijn Bloed,
beklom het kruis en liet ten teeken zijner
liefde, nog zijn Hart doorboren, opdat die
zichtbare wonde ons ten eeuwigen dage
zou leeren, wat onzichtbare liefde tot den
nieiisch in dat Hart besloten was.
Zullen wij dan den evennaaste niet naar
ziel en lichaam beminnen en belangeloos
Wa
-ocr page 253-
ÈF
MF.II KN TWINTIGSTE I>A(;.                 247
en bereidvaardig en medelijdend hem iille
liefdediensten liewijzcn, die in onze mneht
/.ijn 1
"Voornemens.
1° Onze medemenachen, vooral dicgenon jegeus
welke wij cenigen afkeer gevoelen , de grootst
mogelijke liefde op de liefderijkste wij/e betonnen.
2° In zonde met vertrouwen tot Jezus giinu .
vergiffenis verhopen en beterschap beloven.
VOORBEELD.
Hoort , hoe een dichterlijk schrijver uit onzen
tijd (1) de ontmoeting van Jezus en Maria .\\lasr-
dalena beschrijft.
Ken andermaal is het eeue slechte en bekende
zondares, gekomen om Hem te hooren, niet met
den wensch om zich te beteren, maar dewijl
hare zuster Martha haar daartoe heeft aangespoord.
Zij gaat door de straten in de praal en oiibcschaanid-
heid harer schoonheid, met schitterendejuweelcu
in het haar, sehaamtelooze oogslagen rondnm zich
werpend , met de zonde in eiken blik en in elk
gebaar. Zij is geknmen , om des Nazareners
macht te trotsceren. Zij komt binnen het bereik
vau zijn invloed, hare oogeu vestigen zich op
Hem en het znete geluid zijner woorden treft
haar oor. O , welk eene verandering ondergaat
1) Dalgairus. Devotie tot het Hart v. Jezus.
Hoofdst. III.
-ocr page 254-
^
-\' tt>                    VIKI! l.N TWINTKiSTK DAG.
p
/ij ; hare oogcn zijn strak op Hem gevestigd ,
hare kleur komt op en verdwijnt.... Verschrikt
en bevreesd door die ongewone ontroering snelt
zij naar huis terug.... Maar een onuitsprekelijke
liefde had zieh meester gemaakt van hare zie), en
zij uioesl die hemclsche gedaante wederzien. Zij
wist dat Hij een maaltijd zon bijwonen; hare
tegenwoordigheid zou op allen een indruk ma-
ken als die van eene melaatsehe , maar zij he-
kreunde zieh daar niet om. Zij had haar zijden
irewaad afgelegd en haar sleehtste kleed aange-
trokkon; /ij nam de juwcelcn uit de haren en
vertrad /e met den voet. .Met loshangende haren
en een albasten vaas met kostbaren balsem in
hare handen , snelt zij door de straten naar bet
huis van den 1\'harizeé.r. De gasten staren haar
met verba/ing aan, als zij in die verschijning
met bleek gelaat en hangende haren . de „ Mag-
dalena" herkennen. Maar zij ziet niemand dan
Jezus. Aller oogen zijn met nog grooter ver-
wondcring op Dezen gevestigd , toen zij op hare
knieën achter Hem neerviel , terwijl Hij volgens
Itomeinseh gebruik , op het rustbed ncderligt.
Allen denken , dat Hij zal terugdeinzen : maar
yie, zij wordt stoutmoediger, hare lippen naderen
zijne voeten. Xn /.al Hij stellis opstaan en haar
niet verachting van zieh afstootcn ! Xeen , Hij
verdraagt de aanraking harer bezoedelde lippen,
en het arme verdwaalde schepsel verbreekt haar
vaas en stort den balsem op zijne voeten uit ,
-ocr page 255-
%
w
1X9
VIEK K.N TWINTIGSTE BAO.
terwijl hare losbarstende tranen ze vrij besproeien
en hare lange haarlokken ze afdrogen. Zoo had
die Goddelijke Verlosser tot haar hart gesproken !
Na wendt Hij zijne oogeil tot haar en te midden
van de ademloozc stilte der omstanders , noodigt
het lieftallig geluid zijner stem hen uit, die vrouw
te aanschouwen , en verkondigt het luide, dut
zij vergiffenis heeft verkregen, omdat zij Hem
bemint.
GEBED.
o Allerh. Hart van Jezus , dat ons in uw ster-
lelijk leven de heerlijkste voorbeelden van naas-
tenliefde gegeven hebt, maak dat wij onzen
evennaaste beminnen gelijk ons zelven om God ,
en dat niets in staat zij die liefde in ons hart
te verminderen, opdat wij eeuwig gelukkig mogen
zijn met hen , die eenzelfde zaligheid als wij
verwachten. Amen.
Jf
u
<.,.
-ocr page 256-
Vijf en twintigste Dag.
Het H. Hart ons voorbeeld in \'t ver-
iieliten der aardselie iroederen.
\'aSasLvN wicn is liet hcst de waarde
">sXl3reciiei- zaak bekend? Aan hem,
die ze maakte. Wie zal dan het
liest de waarde der rijkdommen kennen \'.\'
Hij, die ze schiep, Onze lieer Jezus l\'.liris-
tus, van wien geschreven staat, dut alles
door Hem gemaakt is, en zonder Hem niets
is gemaakth.
Hij gal\' dus aan liet goud
zijne waarde. Hij gelastte aan den diamant
te schitteren en aan den zijdeworin de
zijde te spinnen.
.Maar toen Hij ïnenseh geworden was,
waarop schatte Hij toen in zijn goddelijk
Hart dat alles"? Hij wilde er niets van
voor zich, maar gal\' het met volle handen
I. Joeg. t , 3.
-ocr page 257-
33^-
MJI KX rWISTIOSTK DAO,
aan zijne vijanden, de zondaars, die er
zich over verheugen , alsof zij daarmede
liet treluk veroverd hebben. Ito rmnjdr
werd Hem voorgesteld.
zegt de II. Paulus,
maar Hij, Hij onderxtond het kruis\'], hel
kruis op Calvarië niet alleen, maar geheel
zijn leven liet zware kruis der ontbering
en der armoede. <>, zijn Hart beminde
die ontbering en die armoede I Hij wisl .
dat de uienseh een natuurlijken afkeer
daarvan heefl ; de erfzonde brengt dien
afkeer voort; daarom wilde zijn goddelijk
Hart dien staat van armoede omhelzen en
beminnen, om ons te leeren, hoe wij dien
staat moeten beschouwen. Vragen wij het
niet aan de wereld , wat het is, arm te
zijn ; zij zal ons zeggen : « zalig zijn de
•> bezitters , zalijj; zijn zij , die het meeste
» kunnen genieten , en geld en goed in
» overvloed hebben ; ongelukkig is de arme,
» die leeft te midden van ontberingen."
Daartegenover stelt het doddelijk Hart
eene andere zaligspreking, lijnrecht in
strijd niet de grondregels der wereld :
Zalig zijn de armen run geest. Overeen*
li Hebr. XII. 3.
^EQ
-ocr page 258-
ffP3_____________________________\'*~Q2
252             vi.ik kn twjntioste n\\r,.
komstig zijn altijd gevolgden regel deed
Hij het voorbeeld aan de leering voorafgaan
en begon Hij reeds zijn loven in een armen,
verlaten stal, terwijl Hij eene kribbe voor
legerstede, een handvol stroo voor lied,
schamele doekjes voor deksel had.
Haar in die kribbe vierde Hij als\'t ware
met de armoede een geestelijke bruiloft;
/.ij werd zijne bruid, die Hem overal ver-
gezelde, waar Hij ook den voet zette ; zij
was bij Hem in Kgvpte; zij verliet Hem niet.
te Xazareth , zij volgde Hem door Galilea
en Judea, zoodat Hij op zijne reizen in
waarheid getuigen kon : de vossen hebben
hunne linten en ile vogelen des hemels hunne
nesten
, muur de Zoon des mensehen heeft
niets,
(zelfs geen steen) om zijn hoofd daar-
oji Ie luien rusten
\').
Wie volgden Hem en maakten zijn dier-
baarst gezelschap uit? Waren het rijken
dezer aarde? \'t Waren twaalf urine, on-
wetende visschers.
Hij beminde zeer zeker zijne Moeder,
maar meer nabij, gestndiger bij Hem was
de Armoede ; ja , toen die allerplechtigste
li Lue. IX. 58.
"JUo
è
-ocr page 259-
VI.IK KN TWINTIGSTE DAG.                     2.">:!
ure uiiubruk, die over het lot der wereld
beslissen zou en de Heer den top van
Calvarië bereikt had, wat gebeurde toen?
Hij liezat nog ééne zaak, die Hein over-
dierbaar zijn moest , omdat geliefde handen
deze voor Hem gemaakt hadden, \'t Was
het kleed zonder naad, vervaardigd door
Maria. Ook dat zal Hij afleggen, om ons
te leeren, van alles, zelfs het dierbaarste
wat wij hebben, onthecht te zijn, ten
einde de eeuwige goederen te kunnen ver-
krijgen.
liet kruis werd opgericht. Maria stond
aan den voet van hetzelve. Wie mocht
bij Hem komen op dien koninklijken
troon*.\' Was het zijne .Moeder? Neen,
\'t was de armoede. Zij was zijne bruid ,
zij mocht met Hem zegepralen; ontbloot
van alles wilde Hij sterven ; arm was Hij
tot in den laatsten snik, ja nog na zijn
dood; want niet in zijn eigen lijkkleed
werd Hij gewikkeld, niet zijn eigen graf
ontving Hein; in geleende doeken en in
eens anders graf werd Hij neergelegd.
Zoo waren zijne voorbeelden. En zijne
leering\'.\' Zalig de armen vangeett. Waar-
-ocr page 260-
:.\'")t                  VIJF I.N TWtSTIGSTE DAG.
om, o Heer".\' Wiinl hunner in hel rijk
iler Hemelen1
1.\' Zullen de armen dan gemak-
kclijkcr het rijk der Hemelen verkrijgen ?
Hadden wij onzen Heer eens kunnen zien,
toen op een zekeren dag een jongeling l>ij
Hem geweest was, dien Hij voor de Kvan-
gelische armoede en de verachting der imrd-
sehe goederen had willen winnen! Die
jongeling was rijk, maar gehecht aan
zijne goederen; hij ging treurig heen, toen
de lieer hem voorstelde zijne goederen te
verkoopen en den prijs aan de armen uit
te deelen. Alsdan wendde zich Jezus met
liedroel\'d hart tot zijne leerlingen , zeg-
gende : « 0, hoe moeilijk is het voor eenen
•  rijke , om zalig te worden. Voorwaar,
» Ik zeg u, \'t is voor eenen rijke moeilijk
» om het rijk der Hemelen hintten te gaan."
Zijne leerlingen stonden verbaasd over
die woorden. .Maar Jezus hernam : « Nog-
•> maals zeg Ik n , mijne kinderen , wat
•  is het moeilijk voor hen, die op het
>\' geld vertrouwen , den Hemel hinnen te
•  gaan ! \'t Is gemakkelijker voor eenen
•  kameel door het oog cener naald te gaan,
1) Mt V ,3.
-ocr page 261-
m
VIJF EX TWINTIGSTE DAG.
>• dan voor eenen rijke om hot Hemelrijk
t t<- verwerven\')."
Miiar, Heer, zonden wij hebben kunnen
zeggen : Waarom is het zoo moeilijk om
te midden der rijkdommen zalig te \\vor-
den \'.\' Kn de Heer kon ons antwoorden :
\'t Is zoo moeilijk met slijk om te gaan en
er niet door besmeurd te worden ; \'t is zoo
moeilijk zijn hart niet aan den rijkdom te
hechten; \'t is zoo moeilijk niet zinnelijk te
zijn te midden der weelde ; en nochtans het
rijk der Hemelen lijdt geweld en de ge-
weldigen alleen nemen het in. Het rijk
der Hemelen is gelijk aan eene stad op
een hoogen, steden lierg gelegen. Die
stad moet gij innemen , na den berg be-
klommen te hebben. Kn wie zal hem
gemakkelijker beklimmen : hij, die gebukt
gaat onder duizend zorgen voor aanzien,
stand, landerijen en huizen, •—of hij, die,
ontdaan van alles, niets heeft wat hem
drukt\'? Ik ben u voorgegaan op dien
l>erg, zonder rijkdommen, zonder goederen
alleen belast met mijne dierbare armoede.
Zoo had de Heer ons kunnen antwoor
1) Mt. XIX . 24; Mi. X, 25; XIII, 25.
oUüJ
-ocr page 262-
7{ï
rpio
256                  VIJF KN TWINTIGSTE DAG.
den. Kn zie, duizenden Heiligen zijn den
lieer o]) die baan gevolgd; zij verlieten
koninkrijken en rijkdommen, en verkozen
de armoede van Christus tot hun deel,
om gemakkelijker, ontdaan van alles,
dien berg van \'t Hemelrijk te bestijgen en
die stad in te nemen , welke alleen door
de geweldigen kan genomen worden.
*\' Zalig zij," zoo spreekt htm de II. Iier-
» nardus toe, « gelukkig zij, die van alles
» ontlast zijn en met vluggen tred, zonder
» belemmering den Heer volgen !" « O ,"
zegt diezelfde Heilige , « dat een heiden
i> naar rijkdom verlangt , verwondert mij
» zoozeer niet : hij leeft zonder God; —
» of dat een Jood verlangt rijk te zijn ,
» geen wonder : hij heeft van God sleehts
i> aardsehe beloften ontvangen ; - - maar
» hoe een Christen nog kan Itcgeeren,
» om uit den staat der armoede te gera-
» ken, nadat Jezus Christus door woord
» en voorbeeld gezegd heeft: « Zalig zijn
k de armen , dat gaat mijn verstand te bo-
» ven. Jezus toch was arm in de kribbe, ar-
» uier in zijn leven, allerarmst bij zijn dood."
Hoe is ons hart gesteld ten opzichte
p
r--3
••JU o
oUfii
%
-ocr page 263-
mpa.
\\ IJK KN TWINTIGSTE DAG,
der rijkdommen van deze wereld 1 Delleer
verbied) ons niet eene behoorlijke zorg te
hebben voor huisgezin en toekomst; neen.
Hij heeft daar /.«\'U\'s een plicht van ge-
maakt ; m;nir Hij waarschuwt ons tegen
al te groote bekommering en gehechtheid
aan liet aardschc. Die gehechtheid doet
iniiir rijkdom verlengen als men arm is;
en is men rijk, dan wil men steeds rijker
worden en vreest men te verliezen wat
men heelt, «o Mcnsch ," zegt Hij, iwat
••liaat liet n toch, dat gij de lieele wereld
«wint, als gij uwe /.iel verliest!" Het rijk
Gods, de zaligheid , de eeuwige goederen,
die moeten wij zoeken en najagen ; daar-
voor zijn wij geschapen, en de rijkdom-
men zijn slechts een beletsel, om tot die
eeuwige goederen te komen.
Wat verlangen wij er dan naar\'.\'
Waarom ze dan gezocht met een ijver,
eene hetere zaak waardig".\' Och , ol\' w ij
zooveel voor onze ziel gedaan hadden!
In één geval slechts kunnen zij ons hei-
pen om den Hemel te veroveren ; \'t is ,
als wij die les van Jezus\' II. Hart opvolgen :
« maakt ti vrienden van den Mammon
i
êxïBÖ
-ocr page 264-
VHP F/N TWINTIQSTK llAfi.
» der ongerechtigheid , deel uwe schatten
» uit aan de armen en gij zult ecu schut
» in den Hemel hebben, waar dieven hom
» niet stelen kunnen en de mot hem niet
«verteren zal; een glas koud water, in
«Ulijnen naam gegeven, zal zijn loon niet
«missen." o II. Hart, leer ons uwe les-
sen begrijpen en help ons uwe voorlied-
den op het pad der armoede volgen !
Voornemens.
I" Tevreden zijn met hetgene God ons geeft,
luie weinig liet ook zij.
Onzen evennaaste helpen zooveel wij kunnen.
3° Bidden om dien geest van onthechting aan
\'l anrdsche. „ Zalig zijn de armen van geest."
VOORBEELD.
Keus stond de H. Krauciscus van Assisié\' voor
den Paus Innocentius UI. Hij droeg aan Z. H. de
volgende parabel voor: Heilige Vader, er was
eene allerschoonste, doeh anne dochter, die in
eene woestijn woonde. Een groot koning be-
merkte haar. Hare schoonheid trof zoodanig zijn
oog en zijn hart, dat Hij ze tot zijne bruid nam.
Eenige jaren verbleef hij inet haar en uit die ver-
bintenis werden talrijke kinderen geboren. Hezen
luidden al de trekken van den vader en al de
schoonheid der moeder. Toen keerde de groote
-ocr page 265-
VIJF EN TWINTIGSTE DAG.               259
koning terug naar zijn paleis. De moeder nu
kweekte hare kinderen mei alle lorg on. En als
zij opgegroeid waren, sprak zij : „Mijne kinderen,
trij zijt de zonen van een groot konins; gaat
naar zijn hof en hij /.al u ontvangen niet al het
aanzien, dat uwe geboorte vereisrht." De kinderen
verlieten dan de woestijn en kwamen naar het hof
des koning*. De koning mg, hoe sehoon en edel
hunne gelaatstrekken waren en hij vroeg hun:
„Wiens zonen zijt gij?" „AVij zijn," antwoordden
zij, „ de zonen dier arme vrouw, die verlaten in
de woestijn woont." En terstond omhelsde heli
de koning met teederheid, zeggende: „ Vreest
niets, gij zijt mijne zonen ; indien mijne bedienden
van de spijzen mijner tafel eten, hoeveel te meer
zal ik zorg dragen voor u , die mijne kinderen
zijt." —
Die koning, Heilige Vader, is on/e Heer Jezus
Christus. Die beminnelijke , sehoone maagd is>
de Armoede. Van alle meiisehcn verlaten en
veracht, woonde zij hier op narde als in eene
woestijn. De Koning der koningen, uit het
hoogste der Hemelen op deze wereld nederdalcnde,
werd zoozeer door liefde voor haar bezield , dat
Hij ze tot bruid en eehtgenootc nam in de kribbe.
Zijne kinderen in de woestijn dezer aaide waren
talrijk : de apostelen , de kluizenaars, de mou-
niken en eindelijk iu onze ongelukkige tijden uw
nederige dienaar en zijne leerlingen. En hij zelf
heeft mij de verzekering gegeven van in ons bc-
efe
-ocr page 266-
Ifr
VIJK KX TWISTHiSTK ll.Vli.
staan Ie /.uilen voorzien , gelijk Hij hel gedaan
heelt voor onze oudere broeders: Hij heeft mij
gezegd: indien ik huurlingen en dienaren spijzig.
ja zelfs aan de vijanden van mijnen Naam hun
voedsel niet weiger, hoeveel te meer zal ik dun
zorgen voor mijne zonen en mijne erfgenamen.
Ku komen zij eens in zijn eeuwig Paleis , den
Hemel, dan zal Hij hen on tronen plaatsen en
hen, ter liefde hunner moeder, met eere en glorie
hekleeden.
tlle (\'héranee, St. Kr. d\'Ass. rhap. V.<
GEBED.
o Allerh. Hall van Jezus, dut hier op aarde
uw behagen uaaiut in armoede en ontbering en
daarvan de schoonste lessen en vooiheelden hebt
nagelaten , geef ons de genade , dat wij naar uw
voorbeeld, niet alleen de armen en ongelukkigen,
maai\' ook de armoede eu ontberingen zelve be-
minuen , wanneer wij deze ondervinden, of ten
minste ons hart niet hechten aan de vergankelijke
goederen dezer wereld; maak ons rijk in ver-
diensten en in eeuwige goederen , die alleen onze
achting verdienen. Amen.
-ocr page 267-
ap---------------------*m
v*£ZG££\\ ^t^JSi^i-v \'-iX>"X^^\'
"*^CjtJS •
Zes en twintigste Dag.
Hi\'l liiililrml Hart van .li\'/.ns.
enk onberekenbare weldaad was het,
redat tic Heer ons leerde bidden tot
God; \'t was een onwaardeerbare
gave, diit Hij ons zijne Iccring verkon-
digde; en wie zal zeggen, wat gunst Hij
ons doet met ons zijne leer voortdurend
in de Kerk tt; doen prediken\'? Daar zijn
christenen , wien het vreemd voorkomt ,
dat de Heer Jezus slechts drie jaren be-
steedde aan het strooien van het zaad zijns
woords, aan de onderrichting zijner leer-
linfren , aan het doen zijner wonderen.
Waarom, zoo denken zij, niet eerder dat
leven van ijver begonnen, en waarom niet
eer aan de wereld die schatten van hemel*
sche wijsheid medegedeeld, die in zijn
c^ta
-ocr page 268-
P 2fi2                /.Y.s KX TWINTIGSTE DAG.
Goddelijk Hart waren opgesloten? Was
dan , zoo vragen zij, dat leven , \'t welk
Hij in de stilte van Nazareths woning
leidde, was dat dan niet voor \'t heil der
wereld verloren \'.\' Kunnen die 30 jaren .
in vergetelheid doorgebracht, wel in ver-
gelijking komen met de M jaren van zijn
openlijk optreden\'?
Neen, die stille jaren waren voor het
heil der wereld niet verloren ; en even
krachtig, ofschoon niet zoo openlijk, werkte
het II. Hart aan onze zaligheid te Hethlehem.
in Egypte, te Nazareth, als naderhand
in \'t zweel zijns nanschijns op de vlakten
en heuvelen van Gallilea en in de straten
van \'t ondankbare Jeruzalem.
Wat schonk ons dan het II. Hart in
dien tijd, behalve de voorbeelden van
verheven deugd, die Het ons gal\'? liet
had. Hes morgens, des middags, des avonds,
in \'t midden van den nacht steeg van dat
II. Hart, als van een reukaltaar, de gen-
rigste wierook des gebeds ten Hemel ; en
zoo legde Het in de stilte van .Nazareth
den grondslag van dat leven van wonde-
ren en leering, dat met des Heereii 30,to
-ocr page 269-
gff^
263
ZKS EN TWINTIGSTE DAO.
jaar beginnen moest; de grondslag toch is
voor een geitouw van evenveel belang, als
muren en dak. Haar bad Het reeds voor
de toekomstige Apostelen . daar bad Het
voor bet Joodsche volk, opdat de blinddoek
moelit wegvallen van hunne oogen, voor
de toekomstige Kerk met al hare Pausen
en Bisschoppen en Priesters en geloovi-
gen tot aan het einde der tijden; daar
bad Het voor al die duizenden belangen, die
Het heeft in de zielen, voor de glorie zijns
Vaders, voor de uitbreiding van zijn toe-
komstig rijk. Daar had Het, in gezelschap
van twee allerzuiverste zielen, .Maria en
Jozef; en van die nederige woning te Naza-
reth gin"; eene kracht uit over de aarde ,
waarvan niemand eenig vermoeden of ken-
nis had , dan God alleen , maar die veel
gritoter was dan de macht , die op dat-
zelfde tijdstip uitging van het paleis der
oppermachtige keizers van Home.
Toen Jezus\' openbaar leven begonnen was,
hield dat leven van gebed niet op, maar
ondersteunde de bediening des woords,
welke nu meer op den voorgrond trad. Hoe
dikwijls trok de Heer zich terug in de
-ocr page 270-
264                zi\'.s kx TWixrinsri. n\\<;.
eenzaamheid, om ren vrijen loop te "reven
iiiin de gevoelens zijns Harten, waarvan
iedere zucht , iedere verhefiirifr tot God
een oneindige waarde had voor \'t heil der
wereld.
Jezus was gewoon eerst te doen en dan
te leeren ; wanneer Hij ons dus zegt: men
moet altijd bidden en nooit ophouden
\'), dan
moeten wij besluiten, dat Jezus\' 11. Hart
altijd biddende was, zelfs te midden der
drukste bezigheden ; de scharen mochten
Hem dringen, de Apostelen door hunne
onwetendheid Hem steeds nieuwen arbeid
verschaffen, altijd was er tusscheii zijn
menschelijk Hart en zijne Goddelijke Natuur
een voortdurend , nooit onderbroken ver-
keer van aanbiddingen , dankzeggingen en
snicckingen ; en urn zulks aan alle toeko-
inende eeuwen te bewijzen , liet Hij in de
II. Kvaiiguliên opteekenen, dat Hij had hij
iedere gelegenheid, zoo wel hij de opwek*
kinp; van Lazarus, als hij het afscheid van
zijne leerlingen, zoo wel in den hof van
Olijven , als op Calvarië.
Waarom had het Goddelijk Hart aldus
1) Loc XVIII, l.
-ocr page 271-
c^
ZES EX TWINTIGSTE DAG.                  :!().">
gedurende zooveel jaren ".\' Niet alleen om
ons ie lecren ootmoedig eu verborgen te
zijn en in alles het oogenblik der Vooraic-
nighcid af te wachten , maar ook om ons
te lecren liet gebed ten grondslag te leggen
aan alle werken v;ui ijver , die wij /.elven
ol\' anderen verrichten.
Wilt deed het II. Hart , terwijl de ~rl
leerlingen zich over Galilea verspreidden
en de boodschap des heils in alle vlek en
stiid verkondigden\'.\' liet bad en deed van
verre voor de vruchtbaarheid van hun
arbeid meer, dim hunne vermoeienis en
hun /.weet deden.
Wat doet het Goddelijk Hart nog voorfc-
durend in "t II. Sacrament\'.\' Daar leeft
Jezus Christus in de stilte en de duisternis
van het tabernakel ; ijzeren deuren sluiten
Hein naar den schijn van de buitenwereld
af; maar door die afsluitingen heen stijgt
een voortdurend gebed tot den llemelsehen
Nader; dat gelied vraagt vergiffenis, zeer
zeker , voor de nimmer eindigende zonden
der wereld ; maar ook smeekt het om hulp
en genade voor den priester, die in de
stilte van den biechtstoel tot de boetvanr-
-ocr page 272-
266                  7.KS KX TWIKTIOSTE DAO.
dige ziel spreekt : en zie, diens (luisterend
woord ontvangt de kracht om steenen
harten te verbrijzelen. Het l>idt voor den
verkondiger der waarheid. die oj> den
predikstoel zich vermoeit of den kleinen
de christelijke leering uitlegt, en diens
woorden vinden weerklank tot in de bin-
nenste schuilhoeken der ziel; Het bidt voor
den priester, die zich over het smartbed
van den zieke hcenlmigt en dezen gevoelens
van gelatenheid en opoffering in [iet hart
stort; liet bidt voor den missionaris, die
aan het verre, verre strand van Oost of
West aan ruwe heidenen het licht dei-
waarheid aanbrengt, en bij menigten vra-
gen zij het II. Iloopsel; in één woord ,
wat het II. Hart deed tijdens zijn verbor-
gen leven te Nazareth, dat doet Het ook
nu nog in liet verborgen leven van het
tabernakel: Het bidt en werkt voor het
heil der wereld meer dan de mensehen
het vermoeden , en de laatste dag zal ons
toonen , welke vruchten van zaligheid dat
gebed door alle eeuwen heelt uitgewerkt.
Is nooit in ons de begeerte opgekomen,
om evenals de ijverige priesters, de moedige
-ocr page 273-
m
/.r.s Y.S THTXTKiSTK 1>.\\G.
missionarissen, de martelaren in verre
streken, ook zooveel te doen voor de
zaligheid der zielen en voor de glorie van
\'i Goddelijk Hart? Maar misschien ma-
ken stand , familie , geslacht, plichten of
ouvcrbreckbare verbintenissen ons /.niks
onmogelijk! Hoc dan mede te werken
aan dat apostolaat van zoovele moedige
zielen".\' Door onze aalmoezen in field\'.\'
Gelukkig zij, die aan God dat bewijs van
liefde geven kunnen en zoodoende als \'t
ware plaatsvervangers stellen in den dienst
van den oppersten Koning. Maar ook dat
kan niet iedereen.
God dank, daar is nog een ander middel.
Het Apostolaat van het woord of van de
daatl is niet mogelijk aan iedereen , maar
wel het Apostolaat <lex Gebedi. II, wij
kunnen ons vereenigen met het oneindig
waardig, nimmer onderbroken gebed van
Jezus\' 11. Hart, dat Het stortte te Nazareth,
te Jeruzalem , op Calvarië , en nog voort-
durend stort in \'t II. Sacrament. Wij
kunnen aan den Henielschen Vader ons
lijden , onze werken , onze gebeden opdra-
gen in vereeniging met de H. inzichten
xÉë
-ocr page 274-
--------------«I
Ü08             zrs i:.n twintigste dao.
waarmede dut II. Hart voortdurend bad
en nog bidt, waarmede liet leed en werkte,
en nog voortdurend arbeidt voor \'t heil
der wereld.
Kn welk gevolg zal deze vereeniging
hebben? liedenken wij hel wel : wij zullen
ware apostelen zijn, niet door het woord
of door de daad , maar door het gebed.
ledere voetstap, iedere hartslag, iedere
ademtocht, ieder werk, iedere smart, die
anders misschien zonder waarde zijn zouden,
worden daardoor als vergoddelijkt; onnuttig
stol\' wordt veranderd in \'t zuiverste goud;
op de volmaaktste wijze /.uilen wij het gebod
des Hcercn volbracht hebben : men moet
altijd bidden ; - - en , dat de zondaars zich
liekeeren , de heidenen in den schoot dei-
Kerk worden opgenomen , dat. de Paus in
\'t bestuur der II. Kerk verlicht wordt,
dat het woord der Bisschoppen en priesters
vrucht draagt, \'t zal ons werk zijn, \'t. zal
ons tot verdienste worden toegerekend ,
omdat, wij ons vereenigd hebben met het
biddend Hart van Jezus; en, zegt de 11.
r\'ranciscus van Sales, gelijk een druppel
water geen kracht heeft op zich zelf, maar
-ocr page 275-
OJP-
26»
7.KS V.S TWINTIGSTE P\\l..
geworpen in een rat krachtigon wijn, deelt
in :il de eigenschappen v;in dien wijn, zon
nok zijn onze geiteden en goede werken
zonder Waarde, op zich zelf beschouwd :
maar geworpen in dien oneindig kostlmren
vloed, die aan Jezus\' II. Hart ontstroomt,
dcclcn zij in de kracht daarvan en werken
mede tot hel grootste aller werken : de
zaligmaking der zielen.
Voornemens.
1° Trachten wij ijverige letten te zijn van <le
\\erecniging, die zich noemt: iet AimslaUial ilrx
tifbiuls.
2° Dikwijls door den dag de opdracht vcrnieu-
wen van al onze werken; ze verrichten iii\'veree-
niiting met de inzichten van \'t H. Hint.
VOORBEELD.
\'t Was in deu tijd . dat de Spuaiischc legers
zegevierend de vlakten van Amerika doorkruisten.
Hoevele wreedheden het voetspoor van nienigen
gelukzoeker ook teekenden, toch moet het tot
hunne eer gezegd worden : zij plantten overal
het kruis en brachten het vurige geloof van \'t
moederland naar die verre streken over. Gelijk
zaaiers achter deu ploeg, die den grond opcu-
scheurt, zoo volgden ijverige priesters het spoor
der legers, strooiden het zaad van het Evangelie
êötlS
-ocr page 276-
Pz--------------------------------------<*m
-\'i<\' ZES EX TWINTIGSTE DAO.
en maakten van die wilden, die slecht? onwillig
liet juk van Spanje droegen , gewillige dragers
vun \'1 zoete juk van (\'hristus. Menigmaal vonden
/ij goed voorbereide harten. Ziehier, wat dien-
aangaande verhaald wordt in \'t leven cener Eer-
bicdwaardige Dienares Gods, Anna Garcias, die
als (\'arnielictcs den naam droes; vim Anna van
Jezus. Zij was cene der eerste en heiligste lecr-
lingen der H. Tcresia , die haar als hare eigene
ziel beminde. Zij had een verheven trap van
gebed bereikt, en niet zelden gebeurde het, dal zij,
aan zieh zelvcn onttogeu , geruimen tijd in ver-
ruk k ing doorbracht. Zij verliet nooit de traliën
en het slot \\an haar klooster, dan om noodzake-
lijkc reizen te doen van \'t eene klooster naar het
andere; zij leefde in de grootste armoede, ofschoon
niet altijd hare deugd naar waarde geschat werd ;
aan de wereld was zij onbekend. Wat zal zij.
voor de zielen kunnen doen P Zij bad. Kens
waren kloosterlingen bezig in \'t verre Amerika
aan wilde stammen de waarheden des geloofs uit
te leggen. „ Wij weten dit alles," riepen de
wilden uit. „Wie heeft het u geleerd? vroegen
de missionarissen. ,. Eene vreemde vrouw is ons
verschenen ; zij heeft ons gezegd , dat wij geloo-
veu moesten al wat ons zou gezegd worden door
priesters, die weldra komen zouden." En zij be-
settreven de kleeding, de houding, het gelaat
dier vrouw aan de verbaasde missionarissen. Wie
was die vrouw? Latere onderzoekingen bewezen.
SjQöï"
-ocr page 277-
Z.KS EN TWINTIGSTE D.Vli.
dat Anna van .Tczns in Spanje in gebed was voor
de bekeering der heidenen ; /ij geraakte in ver-
rukkimr eo God liet door een wonder /ouder
wederga toe, dat zij tegelijkertijd «]> zoo verren
afstand den wei; bereidde voor de verkondigers
der waarheid. Ziedaar het Apostolaat des Gebeds.
GEBED.
Ui \'minnelijke Heer Jezus , uw Hart is een al-
taar, vanwaar een voortdurend gebed ten Hemel
opstijgt; wij vercciiigen van ganseher harte onze
onvolmaakte gebeden met uw allerheiligst gebed;
zij zijn niet waardig den Vader in den Hemel te
worden aangeboden , maar geef Gij hun door die
vereeniging kracht en waarde, en maak ook van
ons hart zulk een altaar, waarop zonder tusschen-
poozeu de wierook des gebeds ten Hemel stijgt.
Amen.
-ocr page 278-
Zeven en twintigste Dag.
Het H. Hsirt haat de zonde.
\'ü^lijOKN Jezus het kruis werd aan-
vwrv"35-rL\'\',ot\'l-\'". waarom omhelsde Hij
het toen met liefde, terwijl Hij den
bitteren drank, die Hein op Calvarië werd
gegeven, weigerde? Zouden wij hierin
niet eene geheimzinnige beteekonis mogen
zoeken? Het kruis beteekende de giraf
der zonden van de wereld; en ja, die straf
nam Jezus blijmoedig op zich: Zie hel Lam
Gods, dal de zonden der wereld\\wegneemt\');
daarvoor was Hij gekomen, daarvoor had
Hij zich vrijwillig den Vader aangeboden.
Maar die bittere drank beteekende de tonde
zelve, en daarom wilde de Heer er niet van
drinken ; Hij wilde ons zeggen : gelijk die
1) Jois. I. 29.
exitis
-ocr page 279-
p-ppj
ZEVEN EN TWINTIGSTE DAG.
drank bitter en walgelijk is voor mijn
mond , zoo is de zonde bitter voor mijn
Hart.
Waarom is il<\' zonde zoo bitter voor dat
goddelijk Hart? Is het, omdat do zonde
oorzaak was van ;il zijn lijden ".\' Zekerlijk,
dit vervulde zijn Hart met bitterheid ; maar
de liefde zijns Harten voor ons was zoo
groot, dat Hij volgaarne nog meer zou
geleden hebben, als zijn Vader het geëiseht
bad; ja, Hij verklaarde zelf aan de Zalige
Margareta Maria , dat Hij bereid zon zijn
om alles, en duizendmaal meer, nog eens
te lijden om zoo onze liefde te winnen.
Dit lijden dus was niet de eenige oorzaak
van die bitterheid. Neen, \'t was, omdat Hij
wist, wat kwaad de zonde is. Hij zag al de
zonden, die er ooit gebeurd zijn van
Adains zonde af, en nog gebeuren zullen,
totdat de laatste zondaar der wereld bij
zijne laatste, zonde door het oordeel zal
verrast worden. Zijne goddelijke Natuur
deelde aan zijne II. Menschheid verlichtin-
geu aangaande de zonde mede , waardoor
zijn Hart ineenkromp van smart, (leen
wonder; als reeds een II. Stanislaus in
18
&fe
-ocr page 280-
274,
ZEVEN EN TWINTIGSTE DAG.
onmacht viel op \'t hooren alleen van een
onbetamelijk woord, als de H. Teresia
huiverde van schrik, als zij dacht, aan de
verschijning eener ziel in doodzonde, die
zij gezien had ; hoe moet dan.Jezus\' II. Hart
ie dien opzichte gesteld zijn geweest ,
daar Hij er al de oneindige boosheid van
inzag en de zonde tegen zijne eigene god-
delijke Natuur als een moordwapen gc-
richt was !
Wat. zag Hij in de zonde \'.\' Eene ver-
achting van God, een kaakslag toegebracht
aan de Goddelijke Majesteit, ledere zonde
herhaalt, wat de knecht des Hoogepriesters
ten aanschonwe van den ganschen Raad
Hem deed lijden. Hij zag de zonde als
een opstand van den niensch tegen (iod ,
van den mensch, het eenige schepsel,\' dat
aan zijn Schepper de eer en ondei\'danig-
lieid weigert, die Hem toekomen. Hij zag
de zonde als een zwaard opgeheven tegen
God, den Oneindige, en dat door een nie-
tigen niensch, welke door dicnzclfden
God met weldaden overladen, niet verstand
en vrijen wil begaafd is , maar juist dat
verstand en dien wil tracht te gebruiken ,
ie?
-ocr page 281-
^
w^
Z.EVEJi KN rWINTIOSTK DAii.
om God, dt\'ii Onsterfelijke, te doodcn.
.I;i, te dooden; de zondaar doet van zijnen
kant genoeg om aan Godsmoord schuldig
en zijn; hij kan liod mei zijne zonde niet
liereiken of schaden; maar is een zoon nie(
schuldig, als hij zijn arm opheft tegen
zijnen vader, of hij dezen treft of niet"?
.Meer nog. liod gewaardigde zich ecne ster-
felijke natuur aan te nemen. He tweede Per-
soon der II. Drieëenheid nam een lichaam ge-
lijk aan liet onze ; Hij spreidde weldaden
hij elke zijner schreden , Hij bood zich
aan den Vader aan tot zoenoffer der wereld,
En wat deed de zondige mensch \'.\' .Moeten
wij het vragen, terwijl de lieer na name-
loos lijden, na verguizing, bespotting en
laster eindelijk den Calvarieberg bereikt
heeft, waar een kruis de armen naar zijn
slachtoffer uitstak\'? Is het wonder, dat
de Heer dien beker met gal en azijn van
zich afstiet en er niet van drinken wilde *
• I, zijn Hart gevoelde al de bitterheid dei-
zonde, die zulke gruwelen kou uitwerken.
Slechts eens in den loop aller eeuwen was
\'lod sterfelijk en binnen het bereik der
menseden , en zie, in dien tijd hebben zij
-ocr page 282-
^Tfi                  ZEVEN KN IWIMTrOSTK DAO.
Hem door hunne zonden gedood . gedood
aan hel kruis !.....
Naar ook uit liefde tot ons haat .le/.us\'
Hart de zonde. Hij kwam op uardc, oni
\'t beeld van God in vollen luister te her-
stellen in onze zielen ; - de zonde rukt
dat beeld daar wederom uit en werpt
het in het slijk. Hij kwam om ons den
Hemel te ontsluiten en ons liet recht te
geven op liet eeuwig rijk; — wij slui-
ten ons dien Hemel met zooveel grendels,
als wij doodzonden bedrijven. Hij kwam,
om aan onze zielen een schat van ver-
diensten te bezorgen en ons aan zijne ei-
gene verdiensten deelachtig te maken;
doch ;ds een dief vlueht de zonde met
die verdiensten weg , ons arm en ontbloot
van alles achterlatend, ons zelfs de macht
niet latend , om nieuwe verdiensten te
verkrijgen. Hij kwum om ons vrij te
maken van de slavernij des duivels; —
de zonde legt wederom de slavenketenen
aan onze polsen en de duivel geleidt ons
waar Hij wil ; want de zondige ziel is
zijn eigendom : « Ahrie z-ondigt, is de
slaaf der zonde1)!"
Hij kwam, om voor
-ocr page 283-
m
ZEYKN EN ÏWIMKiSTK OAIi.               ïil
•ons de bel te sluiten, en zie, de zonde
opent ze weer voor onze voeten; reeds
zici Hij in zijne alwetendheid, wat droevig
lot den zondaren in de toekomst beschoren
is; reeds hoort Hij de vlammen der hel
onder hen knetteren : de duivelen ziet Hij
gereed staan om hen op te vangen hij hun
val in de vlammen, gelijk de leeuwen de
lienijders van Daniël opvingen; reeds hoort
Hij het tandengeknars der verdoemden.
Hij weet, liet, wat wanhopige kreten zij
zullen slaken, als Hij in den laatsten dag
in volle majesteit en glorie op de wolken
des hemels verschijnen zal , hoe zij dan
zullen roepen: bergen, valt op ons en hen-
velen bedekt ons, want wij kunnen den
glans van dat aanschijn niet Verdragen ; o,
Hij weet dat alles, en lijn werk en mix
geluk door de zonde ziende verwoesten ,
zucht Hij medelijdend op den kruisweg :
«Weent niet over Mij, maar over u zei ven
en over uwe kinderen; want indien men
zoo handelt met het groene hout, wat zal
er dan van het, dorre geworden\'i!" Vei-
lig mogen wij dan zeggen : zoo groot de
1) .Tois VIII, 31.
-ocr page 284-
F
•^93
\'7*
Z.F.VKN EK TWINTIGSTE DAO.
liefde zijner II. Mcnschheid \\v;is voor zijne
goddelijke Natuur, zoo groot de liefde was,
die Hij ons raenschcn toedroeg en nog
toedraagt, zoo groot is ook zijn haat \\ <>»>r
de zonde; zij moge in ons door de driften
verblind oog klein zijn of\' groot, de haat
van Jezus\' II. Hart voor dezelve is onein-
dig, omdat zij God lieleedigt en ons on-
gelukkig maakt voor tijd en eeuwigheid.
« Wie :<tl Mij run ztiiiile overtuigen*)?"
vroeg de Heer in zijn sterfelijk leven en
met recht mocht Hij zoo spreken. Mogen
wij het Mem nazeggen\'.\' .Misschien niet
wat het verleden betreft. En voor het
tegenwoordige\'.\' I), de ïncnsehelijkezwnk-
heid is zoo groot! Kn voor de toekomst\'?
o Goddelijk Hart, deze is nog ongeschon*
den; ik heli /.e nog in mijne macht: hoor
dan mijn voornemen: Heer, (iij haat de
zonde, ook ik wil ze haten ; neen , Heer,
geene zonden meer , in eeuwigheid geene
zonden meer; maar sterk mij door uwe
Goddelijke kracht!
1) Loc. XXI!I 31.
.lois VIII. 16.
cÜF^~
"^^ëBQ
-ocr page 285-
ZEVEN EN TWINTIGSTE DAG.
"Voornomons.
1» T)e /(inden , die wij bedreven, in de bittcr-
heid ou/i* harten betreuren.
:>° Ons best doen . "til on/e I.....I\'diliift. die
bron van zoovele /ouden , — te bestrijden.
3° Bidden voor de bckceriüir, der ongelukkige
zondaars.
VOORBEELD.
Wat de liefde in \'t hart der Heiligen kan nit-
werken , vinden wij verhaald in \'t leven der II.
Clan de Moiitclalco , door l\'aus l.eo \\lll heiliï
verklaard.
Na haren dood onderzocht men haarliart. Het
eerste wat men daarin vond . was een volmaakt
afgewerkt kruisbeeld. „Mirakel . mirakel!" was
de eerste uitroep , die aan alle aanwezigen ont-
snapte. De Vicaria Generaal des ISissrhops. de/e
wonderbare /aak vernomen hebbende, begaf zich
naar bet klooster, waar Clara gestorven was,
en, voorbarigheid vreezende, ging hij tot ecne
ernstige onderzoeking over.
Nu vond hij behalve het kruisbeeld ook de
geeaelroede, de kolom, de doornenkroon, drie nage-
len, de lans en den rietstok met de spons er op, en
zoo duidelijk, dat toen hij de punt der lans tegen
zijn vinger drukte, hij eenc scherpte gevoelde
als van ecu ijzeren spits. Elk der genoemde
voorwerpen was van vlccseh en zenuwen gevormd,
<l»ch onderling verschillend van hardheid en kleur.
-ocr page 286-
\'•&
cffi
•Jsn
Z.KVKN KN TU INTlUSTK l>Ali.
Alles zul op zulk cenc wijze met fijne vezelen
aan de wanden van liet liui-t vast, dat het stuk
voor stuk kon losgemaakt worden en afzonderlijk
beschouwd. Hel lichaam van het kruisbeeld, zoo
groot als de duim eeuer kleine hand . nas lood-
kleurig, doch aan de zijdewonde rood getint.
De lendenen waren bedekt met een weefsel , dat
naar linnen geleek.
Dit hart van Clara de Montefalco wordt nog
altijd ongeschonden zonder bederf bewaard, gelijk
het was voor 500 jaren, leder jaar vertoont men
te Montefalco deze wonderen van Gods almogende
liefde. Dnn neemt de priester het hart der maagd
in de handen, opent het en haalt er kruisbeeld en
Keeselroc uit te voorschijn ; en ondanks deze
herhaalde behandeling blijven hart en lijdens-
tcekencn onverlet in denzelfden staat.
(Vgl. I\'. W. v. XieuwenhdT. Vijf Levensschetsen.;
GEBED.
o Goddelijk Hart van Jezus, dat de zonde haat,
als het grootste kwaad ; o, doe ons deelcn iu
dien afkeer, opdat wij , door uwe genade gehol-
pen , iu de toekomst de zonde vluchten als eene
slang; en door gestadige boetvaardigheid trachten
uit te boeten, wat wij iu het verledeue misdaan
hebben. Amen.
bUi/3
tXJD3
-ocr page 287-
Acht en twintigste Dag.
Het H. Hart ons voorbeeld van
Boetvaardigheid.
?:
)
s heeft gezegd, dal de devotie
it het Goddelijk Hart het geneesr
middel bevat voor al de kwalen
van on/.<\'ii tijd. Daar is in onzen tijd ééne
kwaal, waartegen Paus en Bisschoppen
niet alle kracht hunne stem verhieven,
namelijk de zucht naar zingenot en vermaak
en de daaruitvolgonde veronachtzaming der
christelijke deugd van boetvaardigheid.
Stel aan de wereld voor een nieuwen
vreugdedal in te voeren. luiden bijval
zult gij inoogsten; spreek echter van ljoet-
vaardighcid en versterving, en men zal de
woorden herhalen der ongeloovige Joden :
«Die taal is hard, en wie kan ze aanhooren?"
m
-ocr page 288-
rz------------------------------------=£g2
282 ai ui\' j:n tw ixl\'iiisti: DAG.
Welke zijn de gevoelens van Jezus\' II.
Hart hieromtrent? Dit kun met één woord
gezegd worden : het. II. Hart van Jezus i-i
een boetvaardig Hart en als zoodanig is
Het door zijne lessen en voorbeelden hel
geneesmiddel voor die heersehende kwaal
van onzen tijd.
Zijne boetvaardigheid begon reeds iu de
kribbe te liethlehein ; niet. voor eigene
zonden had Hij te voldoen ; « want," zegt
de II. I\'anlns , « Hij is geen Hoogepriester
» uit de nienselien genomen , die eer dat
\'i Hij aan God voor het volk offert, eerst
ii voor zijne eigene zonden voldoen moet\'),"
neen, Hij was de Heiligheid zelve ; maar
onze schulden heelt Hij op zich genomen
en om onze zonden heelt Hij geleden. In
die kribbe te liethlehein leed Hij vrijwillig
koude , ontbering en de grievendste ver-
nedering, en bereidvaardig onderwierp Hij
zich later aan al de voorschriften der
Mozaïsche wet ; denken wij slechts aan
de pijnlijke besnijdenis en de telken jarc her-
haalde iM\'devaart naar Jeruzalem. Wat zal
1) Hebr. V. vgl. 1 — 8.
Êlfëö                                                    cx2U4
-ocr page 289-
ACHT EN TWINTIGSTK DAG.                ^SX" "
Hij gedaan hebben in bet huis van Nazaroth\\\'
In \'t zweet zijns aanscliijns verdiende Hij
er met Jozef zijn brood. Die zweetdrop-
pelen droeg Hij op aan tien Vader tot
Imcting der zonden, en de Engelen maakten
er paarlen van, om de bemelzalen te ver-
sieren. Ik" tijd van zijn o|X\'tibaar loven
brak aan. Hij verliet Nazaroth , zijne II.
Moeder, zijne bloedverwanten. Welken
weg slaat Hij in"? Don weg, die ter wocs-
tijn geleidt. Ziet Hom, die alles woei ,
hoe Hij die ongekende bergpaden volgt,
die Hom voeren naar <le plaats, die Hij
zich in den geest heelt uitgekozen. Haar
verbleef Hij veertig (lagen en veertig naeh-
ten, geen voedsel of verkwikking aan zijn
lichaam gunnende, geen woord met eenig
sterveling wisselend ; alleen sprekende met
God , zijnen Vader, over het heil en de
verlossing van ons, menseben. Wat moet
bet. een wonderbaar schouwspel geweest
zijn voor de Engelen des Hemels, daar
hun God te zien neerliggen ter aarde.
biddend en zuchtend ; wat zullen zij elk-
atuler gezegd hehlien : «o wonderbare lioot-
vaardigbeid, o gelukkige mensen voor
êfes--------------------------------------
-ocr page 290-
.\'St                ACHT EN TWIKTK\'.STE DAG.
wiens zonden God-s Zoon voldoening geeft!
(i Gelukkige gehold, die zulk eenen Ver-
losser verdiende!" Na ili«- 10 dagen begon
een leven van vermoeienis, van reizen en
prediken, waarbij Hij zoo dikwijls den
nacht doorbracht onder den blooten hemel
en Hij , volgens zijn eigen woord , niets
In-zat om zijn hoofd daarop te laten rus-
ten. In zijn Hart droeg Hij al die ver-
mocienis op aan zijnen Vader, Hij legde
al dat ziel- en lichaamslijden op het altaar
zijns Harten neer, waar het eene offerande
werd van zoeten geur, die aan God zijnen
Vader behaagde.
Toen brak liet uur zijns lijdcns aan.
(I, wat heelt het II. Hart. van Jezus toen
vrijwillig voor ons veel geleden ! In den
Hol\' van Olijven werd Het geperst door
droefheid, gelijk eene druif in de wijnpers.
Toen zag Het alle zonden, die er ooit he-
dreven zijn: de zonde van Adam, den
broedermoord van liaïn , de vleesehelijke
zonden van diens nageslacht , de misdaad
van Chain, het herhaalde afvallen en mor-
ren dei\' Israëlieten, het overspel van Itavid,
alles, alles wat tot dien tijd misdreven was.
«L__________________________
-ocr page 291-
if
-----------------------------«sm
ACHT KN TWINTIliSTF. DAO.                Sb!""*
Hij zag alles, wat in dal uur gebeurde:
de plannen der Joodsehe Oversten, hel
verraad van Judas, de zedeloosheid en
afgoderij van hijna alle bewoners der aarde.
Zijn lilik doorschouwde de toekomst: de
zonden en ketterijen van alle eeuwen, ook
onze zonden lagen als een lioek voor Hem
open. Van den anderen kant zag Hij al
liet lijden . dat Hem wachtte ; Hij zag de
lioeien, die Hem knellen /.ouden, degeescls,
die zijn vleesch moesten verscheuren, de
doornen , die zijn hoofd doorsteken , hel
kruis, dat Hem dragen , de lans en de
nagelen, die Hein doorboren /ouden, en
daarbij de wreed e ondankbaarheid van
duizenden , voor wie zijn Hoed verspild ,
zijn lijden nutteloos zou wezen. Itat alles
werd Hein voorgesteld door zijne Godde-
lijke Alwetendheid, \'t Was als een kelk,
die vóór Hem werd geplaatst, om hem te
ledigen. Was het wonder, dat Hij huiver-
de \'.\' Zal Hij den kelk aannemen of wei-
geren 1 Zoo Hij hem weigert , wat zal
er dan geworden van \'t zondige mensehen-
geslaeht \'.\' Zoo Hij hem aanneemt en drinkt,
dan zijn wij gered en vrijgekocht en rijk
ÉL,____\'                        \'|
-ocr page 292-
m
J-r,
ACHT KX TWIKTIGSTE DAG.
1 n\'iril\'ti^rtl ; want , ;il zijn de zonden der
wereld ontelbaar en onmetelijk 1k>os , taJ-
rijker en grootcr zijn dan Jezus\' ver-
diensten ; dan heeft Hij onze scholden
geboet en uitgcdelgd door zijne boet vanr-
dighcid van cindelooze waarde !
Vader, zoo verzucht zijn beklemd Hart,
Nader, indien hel mogelijk is, laat dan
dien kelk van Mij heengaan ! .Maar den-
kend aan de zonden, die Hij moet uitdoe*
ten ten koste van zich zelven , voegt Hij
er aanstonds hij : « Lktch niet mijn wil
geschiede, maar de uwe!" Welnu, de
wil des Vaders was, dat Hij den kelk
zou drinken en ledigen tot.op den bodem.
liet boetvaardig Hart des Heeren is dan
ook bereid ; Het stemt toe, overstroomd
ie worden door die onmetelijke zee der
allerfelste smarten, die eindigen zouden
op het kruis met zijn laatsten snik en met
de doorboring zijner zijde. O gelukkige
boetvaardigheid , die ons den Hemel heelt
ontsloten ! o Zalige boete , waarmee voor
ons zulk eene verhevene plaats in\'t eeuwig
Koninkrijk gekocht is \' —
Maar \'t II. Hart zet dat leven van boet
Ö3ë>^\'
-ocr page 293-
SP--------------------------\'sm
ACHT K.N ÏWIXTICSTK DAO.                  2* i
vaardigheid 110a immer voort. Waar"?
In \'t II. Sacrament des Altaars. Haar, - -
o, vergeten wij het niet ! daar draag!
Het zich voortdurend aan den Vader op ;
daar, in dien nederigen verlaten toestand ,
lioet Het nog de /.ouden der wereld in \'t,
Ofièr der .Mis, en de wereld zon misschien
sinds l:in^r door Gods toorn vergaan zijn,
zoo niet die oneindige heilige boete van
Jezus\' Hart, dagelijks op zoovele plaatsen
den Hcinelscb.cn Vader werd aangeboden !
.Maar, hoe is het met die deugd van
hoetvaardigheid in ons hart gesteld ".\' Jezus
Iwette voor de zonden van anderen , ter-
wijl Hij zeil\' onschuldig was. Kn wij".\'
De zonden, die wij bedreven, zijn mis-
schien talrijker dan de haren van ons
hoofd ; van schaamte moesten wij ons aan-
gezicht bedekken; en waar is onze hoet-
\\aardigheid\'.\' 0, de vermaken, die wij na-
jagen, zullen onze schuld voor God niet ver-
ininderen, wel vermeerderen misschien ! Kn
wie zal met meer gerustheid kunnen ster-
ven: hij die volop de wereld genoten heelt,
of hij, die de boetvaardigheid van Jezus\'
H. Hart heelt nagevolgd? Och, of wij
-ocr page 294-
------:------------------------*£qs
Ï88                ACHT EK TWINTIGSTE DAG.
fp
ten minste uit boetvaardigheid het lijden
aannamen , dat God ons overzendt!
"Voornemens.
1" De vasten- en onthoudingsdagen der H.
Kerk stipt onderhouden; zoo wij dit niet kunnen,
zulks door eenc vrijwillige versterving trachten
te vergoeden.
2° Alle kwellingen en moeilijkheden des levens
met gelatenheid dragen , denkende, dat wij ze
verdiend hebben om onze zonden, dat liet rijk
der Hemelen geweld lijdt en dut alleen de ge-
weldigen het innemen.
VOOEBEELD.
In het leven van een onzer vaderlandse he
Heiligen, de H. Maagd Lutgardis, lezen wij hel
volgende in de Aeta Sanetonim der Bollandis-
ten (1,1: De liefde der wereld had eeiiigcrmate
bezit genomen van Lutgardis\' gemoed en menig
rijk jongeling dong naat hare hand. Eens bezig
zijnde met een gesprek, dat wereldsebe liefde tot
onderwerp had, verscheen haar de Heer in de
gedaante, waarin Hij eenmaal op aarde roudwuii-
delde. Hij toonde haar de wonde zijner zijde :
verseh bloed stroomde er uit; tegelijk zegde haar
de Heer: „ Zoek niet langer de nietige eer dezer
„ wereld ; zie hier , wat gij beminnen moet. Ik
„ beloof u, dat gij hier de allerznivcrste genoegens
1) Tom. XXIV. In vita S. Lutg. a Thom. Cantipr.
-ocr page 295-
ACHT I.N TWINTIGSTE DAG.                 ÏS9
„ zult vinden." Lutgardis verschrok , een licht
iïing voor baren geest op ; zij zag al de duisternis,
waarin zij tot nu toe gedompeld was geweest :
als eene duif in de spleten der rots, zoo vloog zij
met den geest in die hartewonde des Heercn ; zij
kon er hare blikken niet van afwenden ; en toen
weldra een wcrcldsch^czind persoon hare liefde
kwam afbedelen , sprak zij als een andere II.
Agnes : „ga weg van mij. spijze des doods, voed-
sel der ongerechtigheid, ga weg, want een ander
heeft al mijne liefde geroofd I"
Kens was Lutgardis ongesteld (\'t was ten tijde,
dut zij reeds dcu sluier der bruiden van Jezus
Christus in \'t klooster van St. Truiden had nan-
genomen\'. /.ij meende het bed te moeten houden.
Maar weldra vernam zij eene stem, die haar toe.
riep : „ Sta op , gij moet boetvaardigheid doen
„ voor de zondaren, die in \'t slijk hunner zonden
„ blijven liggen." Verschrikt stond zij op. Reeds
hadden de andere zusters de Metten aangeheven ,
toen zij aan de kerkdeur kwam. Haar verscheen
haar eensklaps de Heer, bloedend aan het kruis
hangend. Hij maakte een arm van het kruis los,
en bracht Lutgardis\' mond daarmede aan de wonde
der zijde. En zooveel zoetheid putte zij daar, dat
zij geheel haar leven daardoor sterker en ijveriger
in den dienst des Heeren bleef. Zij getuigde zelf;
dat nog lang daarna het speeksel van haar mond
de zoetheid des honigs verre overtrof. Zoo werd het
woord vervuld, dat geschreven staat : Mijne bruid,
-ocr page 296-
\'.".«I
Ai III\' EN TWINTIGSTE DAG.
uwc ii|»]»ii /iji) ats Afdruipende honigraat , eu
honig en melk zijn onder uwe tong. 11 >
GEBED.
o Koctvaardig Harl vnn mijn gekruisigden Hoer,
fiij waart onschuldig en Gij zocht het lijden j ik
liin seliuldi;.; rn ik vlucht het. Neem die tegcn-
strijdighcid van gevoelens weg, die er bestaat
tussehen uw Harl en liet uiijne. Geef inij de
kracht om alle lijden uit boetvaardigheid te di»-
u\'en . en. in navolging van IJ, niel van hot kruis
af te komen , voordat de dood mij de oogeu ge-
sloten heeft. Die leeft en hccrsrht in eeuwigheid.
Amen.
1) Cant. IV. 11.
-ocr page 297-
Negen en twintigste Dag.
Het stervend Hart van Jezus.
^iQjfvMS was in de wereld gekomen,
\'J.ia£ om :il onze ellenden op /.icli te
nemen en te verzuchten. Maar is
er ééne ellende grooter, éé.ne vrucht, dei-
zonde bitterder dan de dood".\' De dood \'.
0, wüt al kommer is daarmee verbonden!
Scheiden van alles wat ons dierbaar is,
gefolterd worden door ziekte en lijden,
neergeworpen zijn op een sniartlied, in den
bloei des levens misschien, strijd t.usschen
ziel en li
01
chaam ! De ziel wil zich losmaken
van hare banden en opvliegen naar een
andere wereld ; het. lichaam wil haar niet
loslaten, o Droevige toestand ! Het 11. Hart
had die smarten voorzien , en zijne liefde
beijverde zich om ze te verzachten. Zelf
<*A1ó
-ocr page 298-
o Hï- -_________
2\'Ji               NEGEN EN TW\'INTtr.SI\'E DAO.
^m
wilde het :il de benauwdheden des doods
onderstaan, om ons de genade van een
troostvol sterven te verdienen.
Gil nuar Calvarië. Wat /.iet gij duur\'.\'
Hij /.iet het Lam, dat de zonden der wereld
wegneemt, aan het kruis. « Gij Imorl den
• smaad der scheldwoorden , gij ziet zijn
«aanschijn overdekt niet walgelijke uitwcrp-
» selen ; ach, nou kort geleden gal\'Hij met
» zijn speeksel aan een blinde het geacht !
» Hij is met doornen gekroond , die de
» martelaren met eeuwige bloemen versiert.
•• Met gal is Hij gespijsd, ilie pas een hemel-
)\' spijze had ingesteld , en met azijn is Hij
i\' gelaaid, die ons een zoo heilrijken beker
i\'had toegediend. He onschuldige, de
•\' rechtvaardige, ja de onschuld en recht-
•> vaardigheid zelve, is onder de Ikk»-
>> doeners gerekend; Hij, die oordcelen zal,
» is zeil\' geoordeeld en \'t Woord van God
» is zwijgend ter slachtbank geleid Hij
i\' dit kruis zijn de sterren beschaamd, de
>• elementen geschokt , de aarde heeft, «Ie
» nacht maakt een einde aan den dag:
> de zon houdt hare stralen in , om geen
i\' getuige te moeten zijn van zulk eene
-ocr page 299-
orpo
298
NKiil.X ES TWISTIGSTE DAG.
• misdaad ; Hij echter spreekt niet , Ilij
« dreigt niet en vertoont niets van zijne
>• majesteit." Zoo beschrijft de II. Cypria-
mis den dood dis Heercn. Was die dood
noodzakelijk \'.\' Had de Heef Item niet
kunnen ontkomen\'.\'
Ik neem mijn leven en Ik le</ hel ireiler-
tim
k/M, had Ilij vroeger gezegd. Zoo
was het. Ilij zelf had de macht den band
tnssehen ziel en lichaam te breken of te
behouden en nauwer toe te halen, te leven
of te sterven, en de dood kon niet tot Hem
naderen, tenzij niet zijn eigen toelating en
hevel. Welnu, dat bevel, die toelating gat\'
Hij, uit liefde tot. ons; niet alleen opdat
zijn offer volmaakt zou zijn en bezegeld
door den dood ; maar ook om voor ons
die scheiding van ziel en lichaam draag-
I ijker te maken. De liefde zijns Harten
gaf Hem daarbij in, een dood te onder-
gaan, vergezeld van zulke omstandigheden,
dat nooit een sterven pijnlijker geweest is
of ooit zijn zal.
Wat maakte dat sterven zoo pijnlijk en
1) .loi«. X, 17.
TdÉ
tQcyï
-ocr page 300-
294               NKOKN EK TWIKTIOSTB l>A(i.
waarom leed zijn Hart in die ure zoo vree-
selijk\'! Zie, zijne overdierbarc Moeder
stond hij Hein ; aan haar hing gansch zij-
ne /.iel. Wie /.al voortaan voor haar zor-
gen\'? Joanncs zal zeker zijn best doen:
maar wat zullen zijne zorgen beteekencn
in vergelijking mei de liefde, die .Maria tot
nu ondervond"? Die scheiding viel Hem
pijnlijk, doch Ilij onderwierp zich aan den
wil (les Vaders. Wat wilde Hij er mede
verdienen \'.\' Dat het u, o christen nienseh,
eenmaal mogelijk zijn zon aan God hel
ofler van uwe dierbaren te brengen. Ken-
maal zult gij neerliggen op een bed van
smarten ; de dood zal zich hij n neerzetten;
dan zullen kinderen , echtgenoot, vrienden,
broeders en zusters u omringen. Van hen
te scheiden zal n zwaar vallen, omdat
zoo toedere banden u aan elkander ver-
binden. Als ;jij dan zeil\' den moed zult
hebben hen te troosten en zeil\' uw offer
met gelatenheid brengt, aan wien zult gij
het danken * Aan \'t stervend Hart van
Jezus, dat voor u die genade verdiende.
Wat moet de nienseh nog meer verlaten \'!
Zijn geld en goed, die misschien zulk ecu
EOF3                                                               cxiUji
-ocr page 301-
r
•>\'.K,
NEfiKN EK TWISTrtlSTE DAO.
mime plaats vun zijn hart innemen. Jezus
bezit zo niet; 111:1:11* toch heeft Hij iets vun
\'t pijnlijke dier scheiding willen gevoelen,
om ons , menschen , het verlaten van huis.
van akker, van werkplaats, van wat ook,
te vergemakkelijken. Alvorens het krni-.
te bestijgen , ja, bezat hij nog iets, dut
Hem ovcrdicrlmar was, het kleed zonder
naad, door Maria vervaardigd. Hij scheidde
er van en, dat het aan zijne wonden was
vastgekleefd , o , \'t was een beeld van de
gehechtheid zijns Harten aan die dierbare
gedachtenis; Hij liet het nochtans gewillig
over aan de heulen , die er het lot 0111
wierpen. - - Als gij op uw sterfbed al het
ijdele van \'t aardsche inziet en de scheiding
vun die goederen u niet zoo smartelijk zul
voorkomen , als zij 11 nu toeschijnt , wie
heeft het voor 11 verdiend \'.\' Het stervend
Hart van uwen medelijdenden Verlosser,
die eeuwen vooruit uwe moeilijkheden
kende en er in voorzag.
Jezus op het kruis was verlaten van de
menschen, en de tegenwoordigheid van de
weinige getrouwen onderzijn kruis, diende
slechts, om Mem de afwezigheid van de
-ocr page 302-
ffl
tt\'MS
NKCiK.N i:N TWINTIGSTE ÜJkO.
aiiiloivn levendiger te herinneren. Ku wal
konden die weinige getrouwen nog doen ?
Wilt men aiin de grootste boosdoeners niet.
zou geweigerd hebben, een verkwikkenden
drank, weigerde men aan Jezus; gal en
azijn kwamen zijne smarten vermeerderen-
De doornen staken Hem , zijne wonden
brandden en pijnigden Hem, zijne handen
en voeten trokken krampachtig samen ,
verlatenheid overviel Hem, zijn sterfbed
was het kruis, het harde kruis. Waartoe
die lichaams- en die zielesmarten, o Heer?
\'t Was om ons de genade te verdienen, de
smarten onzer laatste ziekte met gelatcu*
heid en onderwerping te kunnen dragen.
Als gij een priester bij uw sterfbed zult
zien staan, die u troost en bemoedigt,
uwe zonden vergeelt en de heerlijke ge-
lieden der Kerk aan uwe zijde ten Hemel
zendt, als bloedverwanten en vrienden u
verplegen en duizend zorgen aan u besteden,
iiij zult het te danken hebben aan de liefde
van Jezus\' Hart, dat voorn, in uwe plaats,
aan \'t kruis zooveel leed en verlaten was
door de mensehen. Hoor die genade ge-
sterkt, zult gij geduldig blijven te midden
-ocr page 303-
Of7ïtX->
97 ö
uwer smarten, en bel den ilcerc met
onderwerping kannen nazeggen : Vader, in
uwe handen beveel ik mijnen jjeest.
(lok door God was Jezus verlaten. Wat
moet het pijnlijk indrukwekkend geweest
zijn, door de stilte en de duisternis van
Calvarië de stem, het klagend geroep van
dien stervenden Godmensen, te hnoren:
Mijn God, mijn God, waarom hebt Gij
Mij verlaten ".\' o Pijnlijke toestand , veel
wreeder dan de dood zelf! Walg en vrees
en verveling overviel Hem, veel vrecselijker
dun in den Hol\'van ((lijven. .Maar waartoe
leed Hij Int".\' Omdat Hij voorzag, dat
wij in ons laatste uur bestormd zullen
worden door allerlei bekoringen; de duivel
wetende, dat eene ziel op het spel staat,
zal zijne pogingen verdubbelen, en wee ons
in die vreesul ijke oogenblikken ! Doch geen
vrees; Jezus heeft in zijne liefde alle ^e-
nadeu verdiend , die wij dan zullen noodig
hebben. Hij zal ons niet verlaten, Hij zal
tot ons komen en gesterkt door zijne ^e-
nade, gevoed met zijn Lichaam, gedrenkt
.....t zijn Bloed , zullen wij dr gansene hel
in bedwang houden ; want door zijn dood
oU<
-ocr page 304-
29s             XEiiKM t.s rwiSTIQSTK nu..
heeft Hij den duivel en zijn aanhangover-
wonncn!
|);in zullen nok wij kunnen zegden, wat
Hij zelf ecnmanl zcidc vim zijnen Vader:
Hij heeft Mij niet alleen i/elalen , omdat
Ik altijd doe
, wal Hem behaaglijk is1).
Mijne /.iel, doe dan altijd, wat denHecru
behaaglijk i>, en dan /.al dat Hart met
zijne wonde voor u de deur zijn, waar-
door jiij de eeuwige glorie binnengaat.
VoonicmouH.
1° Hedank Je/.us voor de liefde, waarmede
Hij onzen dood heeft willen verzachten.
lïiil voor al degenen, die op sterven liggeu
en beveel hen aan "t stervende Hart van Jezus.
3° Zoo mogelijk . altijd des namiddags te drie
uur. drie Ovte Vader* en Weesgegroete* voor de
stervenden bidden.
VOORBEELD.
PAKAJIK!..
(Saar eette geduchte v. d. II. Joa/wet C/trtfSQêtotnus)
i />//. Malt. XIII. 45.)
In de verre streken van liet zengende Oosten
woonde eens een koopman , die handel dreef in
li .lois VIII. 89.
oxl<r-->
^m
-ocr page 305-
pppj
XKIiKN KN TWINTIGSTE DAG.                  :.".•\'.>
kostbare parolen. I«augc reizon . vermoeiende
tochten ondernam liij, en verheugd keorde liij hui--
waarts , zoo hij eene parel irevoudcn had . waar-
mede hij hoopte later cene keizerskroon te kunnen
versieren. Weer was hij op reis, toen hij in
een vreemde stad vernam . dat daar eene parel
gevonden was zoo irroot, zoo schitterend schoon ,
dat in zijn hart de vurigste begeerte ontstond ze
te bezitten. Groote schatten nam hij met zieh
en ixï11«JC naar de plaats, die men hein aanwees als
\'t huis van dim bezitter dier parel. Daar aange-
komen, verneemt hij tot zijne groote teleurstelling,
dat zij daags te voren verkocht is, voor een go-
ringeu prijs, ecne nietigheid, aan eenen gierigaard
dei1 stad. Vermoeid van de reis zijnde, zond hij
herhaaldelijk zijne dienaren naar den gierigaard ,
om over den koop dier parel te onderhandelen : hij
deed zieh intnssehen door den vorigen bezitter
het kleinood beschrijven en alk\'s wat hij hoorde ,
vermeerderde zijne begeerte, die parel te bezitten. —
Zijne dienaren keerden onverrichter zake terug;
de gierigaard wilde de patel niet afstaan. Toen
ginïr de koopman zelf tot hem, bood hem de eene
kostbaarheid na de andere, putte de meegebrachte
schatten uit . totdat hij eindelijk niets meer over
hield dan één allerkostbaarst kleinood, \'t welk
hem zoo dierbaar was , dat hij ei niet dan in
den uitersten nood van zon willen scheiden. Maar
de gierigaard gaf de parel niet. Toch wilde de
koopman ze bezitten. Toen besloot hij ook nog
----------------dÉ
-ocr page 306-
\'MM               XKGEX K.N TWIKTIGSTE DAG.
ilit laatste kleinood af te staan ; liet ko»lle hein
moeite en hartelecd; maar ruimschoots werd hem
dit vergoed, toen eindelijk de gierigaard zich liet
bewegen , hem de parel overgaf, die hij nu met
zich voelde naar zijn land en aan al zijne vrien-
den en hekenden vol blijdschap vertoonde.
Die parel is onze ziel , zegt de H. Joannes
(\'hrvs. O. H. Jezus is die koopman , die haar
bezitten wilde. Hij verliet zijn land, den hemel,
en kwam in den vreemde, op aarde. Daar vond
hij die parel, welke hij zocht, maar .... verkocht
aan den duivel, lïeeds had hij vele zijner die-
naren gezonden , om ze te koopen, zij bekwamen
ze niet ; toen ging Hij zeil\' met den duivel een
strijd aan om onze ziel. Hij bood voor dezelve
den oneindig kostbaren prijs van zijn Bloed. Kerst
gaf Hij een deel in zijne Besnijdenis , ecu ander
deel In den Hot\' van Olijven , een deel ouder de
geesels van l\'ilatus, een deel onder de doornen
van zijn hoofd , een deel door de wonden der
nagelen in handen en voeten. Nog slechts één
deel hield hij over: \'1 was weinig, maar aller-
kostbaarst. Toen beschouwde Hij de schoonheid
onzer ziel; hij wilde ze koopen tot eiken prijs en
zijn laatste kleinood er voor geven ; toen.....
nam de soldaat zijne lans, doorstak het Hart des
Heeren *i/ bloml ea water vloeiden daaruit. De
laatste druppel was vergoten en onze ziel het
eigendom van Hem , die haar tot eiken prijs
wilde bezitten.
-ocr page 307-
3P-
30]
NEGEN KN TWINTIGSTE D.VC;.
GEBED.
u Stervend Havt mijns Verlossen, om den
wreedeu doodstrijd . dien Gij onderstondt iu Jeu
Hof hui Olijven . en op uw smartelijk doodsbed
des kruises . hel» medelijden met alle stervenden,
maar inzonderheid niet mij . opdat ik . als mijn
uur gekomen is . ontheeht van het aardselie, met
een gezuiverd geweten en vol hoon op uwe barm-
hartigheid , den overgang van deu lijd naar de
eeuwigheid moge makeu. Amen.
Stervend Hart van Jc/.us, ontferm C over de
stervenden !
"ÉxjtlB
Êtfeö"
-ocr page 308-
Dertigste Dag.
Het Beeld van *1 II. Hart.
koning Duvid Jeruzalem voor
oprocrigen zoon Alisoloni ont-
ruunde , liet hij in hel koninklijk
paleis geen bezetting van soldaten achter,
maar onverdedigd gaf hij het aan Abso-
loni over. Waarom deed hij /.niks ? vraagt
de II. Joannes Chrysostomus. Opdat, zoo
zegt die H. Leeraar, Absolom aanstonds
dat paleis zou binnentreden en door de
vele bewijzen van de liefde zijns vaders
zou getroffen worden. Daar toch was
Absolom geboren en opgevoed , daar zag
hij de tallooze geschenken, die Davids
liefde hem bij iedere gelegenheid gegeven
had , alsook de personen, aan welke zijne
-ocr page 309-
DERTIGSTE IM.G.                            30Ii
opvoeding vroeger was toevertrouwd,
(lelijk David, zoo deed ook oenigszins
Onze lieer met zijn aanliiddelijk Hart.
Dat Hart is een paleis, vervuld van ko-
ninklijken luister. Wijd heeft Ilij de
deur van dat paleis opengesteld, toen Hij
aan het kruis toeliet, dat een soldaat
zijne zijde doorboorde; Hij verwacht, dat
wij dat palcis zullen binnentreden en ge-
l rollen zullen worden door de duizenden
bewijzen van liefde, die wij daar aan-
schouwen. De Kerkvaders van alle eeuwen
hebben het ons gezegd : daarmede bedoelde;
de Heer ons ecne toevlucht, eene schuil-
plaats te openen, waarin wij zouden
kunnen vluchten , gelijk Xoë in de zijde
der Ark en gelijk eene vervolgde duif
in de spleten der steenrots. Was de
stem dier eerbiedwaardige Kerkvaders
niet voldoende, om ons van die waarheid
te overtuigen ? Of was men misschien
die stem vergeten\'? Zooveel is zeker, dat
onze beminnelijke Verlosser in het midden
der 17d<! eeuw noodig oordeelde op die
waarheid nogmaals te wijzen, aan zijne
beminde Kruid , de Zalige Margareta
-ocr page 310-
__-----------------------^m
(01                            HEETtOSTE DAO.
p
Miiriii Alacoquc, zijn Goddelijk Hart ver-
toonde , de rijkste zegeningen beloofde.
nan die Ilri vereeren /.ouden, en zei I\'s
zijnen zegen verbond aan iedere plaats,
waar het Beeld zijns Harten zou zijn ten
toon gesteld.
Is liet II. Hart zeil\' eene Ark van Xoë,
waar allen aan den zondvloed der wereld
kunnen ontsnappen, — ook het beeld van
het H. Hart gelijkt aan eene andere ark ,
waarvan de II. Schrift zoo herhaaldelijk
spreekt. Wat deed zoo rijken zegen
neerdalen over het huis van Obededom,
den Leviet \'? Was het niet de Ark des
Verbonds ? .Maar wat was die Ark des
Verbonds anders dan eene afbeelding,
oen schaduw van hetgeen ons later in
de Nieuwe Wet gegeven zou worden,
wanneer de tweede Persoon der H. I)rie-
vuldigheid de mensehelijke natuur zou
aangenomen hebben ? Dat zegt ons de
H. Kerk zelf in hare lofzangen: «De
«Ark des Verbonds hield de Wet der oude
»-dienstbaarheid in; maar Gij, o Godde-
f lijk Hart, Gij liesluit de Nieuwe Wet
» der genade, der liefde en liarmhartig-
txUv?                                                               exïUo
-ocr page 311-
gp-
DERTIGSTE ]).\\fi
• heid1)." Maar als die Ark desVerbonds
reeds zooveel zegen aanbracht in het huis
van den Leviet, wat zegen mogen wij
dan niet verwachten van het beeld van \'t
II. Hart?
Doch waartoe deze redeneering"? Hebben
wij niet de belofte des Hecren, welke
uitdrukkelijk luidt : Ik /.al de plaatsen
zegenen , waar mijn beeld in eere wordt
gehouden".\' Bedenken wij. dat dit niet de
woorden zijn van een gewoon sterveling,
maar van Hein , die naar waarheid gctui-
gen kan : « Hemel en aarde /.uilen voor-
i\' bijgaan , maar mijne woorden nooit."
l.iet Hij ons zeggen , dat na eenige jaren
de wereld zou vergaan , gelijk Hij liet
van Jeruzalem voorspelde , - wij zouden
het onvoorwaardelijk gelooven, omdat wij
weten, dat Hij de Heer is, die zijne
bedreigingen kan uitvoeren en met krach-
t.igen arm de wereldgebeurtenissen regelt;
waarom zullen wij Hem dan ook niet ten
(1) Oor Area legeui routineus .
Xou territotis votoria ,
Sed gratiae , scd veuiac .
Sed et miscricocdiao.
kUsra
-ocr page 312-
^
:!llli
IIKIITIOSTR D.IO.
volle geloof schenken, wanneer Hij ons
belooft: Ilie plaats /.:il Ik zegenen, waar
Ulijn beeld in eere is\'.\' Moei het ons niet
verwonderen, dal mis oog niet op alle
plaatsen dal beminnelijk Ijecld ontmoet\'.\'
Kinderen der wereld , gij, die zoo voor-
zichtig zijt in uwen handel, hoe komt hei,
d;it gij lijd\' hlind zijt en een middel vcr-
waarloost >, dat u met onfeilbare zekerheid
den zegen des Hoeren bezorgen kun \'? Weet
gij niet, dat volgens een ander woord van
tiod zelf, niet uwe pogingen, maaralleen
ih\' negen den Heeren u hui rijk maken \'.\'
Doch, zoo mogen wij vragen, waardoor
oefent hel lieeld vat) \'t II. Hurl zulk een
wcldadigcn invloed rondom zich uit ? Onze
lieer Jezus Christus verlangt den ecredienst
van zijn Hurl uitgebreid te zien , en Hij
wil, dal niet alleen enkele bevoorrechte
personen, in kloosters verscholen, maar alle,
;dle Christenen die godsvrucht beoefenen.
In zijne alwetendheid wist de Heer, dut
de /.inlijkc mensen door niets sterker wordt
getrokken, dun door datgene wat de oogen
zien. Aanzien toch doet gedenken, en
een ander spreekwoord voegt daarbij: uil
bUS^
^x333
-ocr page 313-
311
DERTIGSTE DA<i.
hel oog, uit het. hart. Welnu, tle lieer
verlangde, dat wij voortdurend dat beeld
zijns Harten zouden voor oogen hebben ,
om zon altijd herinnerd te worden aan de
onwaardeerbare weldaden, die zijne liefde
aan allen bewezen heeft, of, zooals de
II. Kerk zegt, door liet zichtbare tot het
onzichtbare gebracht te worden.
Wij zien dit duidelijk aan de wijze.
waarop Hij aan de Zalige Margarela Maria
zijn H. Hart vertoonde : de Heer nam Het
niet uit zijne borst , maar toonde Het in
zijnen boezem, brandend , omringd van
doornen, en dragend een kruis te midden
der vlammen. Hit alles had zijne beteekenis.
Dal de Heer liet niet uit zijnen boezem
nam , beteekent, dal wij dat Hart niet
moeten afscheiden van zijne 11. Mensehheid ;
maar dat alles, wat zijne II. Mensehheid
verrichtte , werd ingegeven door zijn Hart,
de bron van al zijne weldaden en liefde-
bewijzen\'t. - \'t Was omringd van door-
nen en droeg een kruis, om ons te doen
1) Daarom ook hoeft eene gemakkelijkere voor-
Btelliug, ui. eeu enkel Hart, omringd van vlammen
en/.., te Rome de goedkeuring niet mogen venver
-ocr page 314-
m
-^m
IM.K l\'II.S I K IIAO.
denken iiiin al hel Lijden, waarmede geheel
zijn leven uit liefde lot ons geteekend
wns. Het brandde en schoot stralen
uit , om de vurige liefde te kennen te
Reveil , waardoor Het voor ons verteert!
werd en nog altijd verteerd wordt.
Als wij nu dat II. Hart zien , voortdu-
rettd eene aflieelding daarvan onder onze
oogell hebben . daarbij letten op al die
omstandigheden en onze blikken vestigen
op die opene wonde, welke de liefde duar-
in maakte, zullen wij dan niet getroffen
worden".\' En als wij dan nog daarbij
denken , dat onze zonden oorzaak waren
van al zijn lijden , en die gapende wonde
daarin gemaakt hebben, zullen wij dan
de zonde niet verzaken, ons leven beteren,
liefde voor liefde geven , en ons zoo in
staat stellen de zegeningen des Hemels
in ruime mate te erlangen \'.\'
Och, of het Beeld van \'t H. Hart in ons
die uitwerkselen mocht teweegbrengen!
Ook wij zouden dan deelen in de zege-
ven : wel daarentegen eene voois-telling van den
persoon des Zaligmakers , die in zijne borst een
vlammend Hart vertoont.
-S5ÖS
-ocr page 315-
OOr"
DKBTrOSTK DAG.
ningen, <11«• liet beloofd heef) en wij
zouden de blijde ondervinding opdoen,
welke reeds duizenden en duizenden vóór
ons liebben npgcdunn, dal nl. de lieer
getrouw is in zijne beloften en eerder
Hemel en aarde /.uilen voorbijgaan, dun
ilal een jota of slip van zijne woorden
onvervuld blijft.
Voornemens.
i Bene afbeelding v:m \'t II. Hart hebben .
zoo inoïclijk in ieder vertrek . en «au dezelve
dr ecreplaats geven.
-\'° Hij het zien van die beeltenis altqd den Heer
danken voor de licfdebevrijzen zijns Horten, onze
«roede voornemens van wederliefde hernieuwen en
een vnrig schietgebed daarbij voegen.
VOORBEELD.
De ,;;-xl,- Bcelieni» ra,i Jeau\' 11. Uarl.
Den Vrijdag na \'t octaaf van \'t II. Saeranient
in het jaar 1688 . verstoutte zieli do Zalige Mar-
gareta Maria voor \'t eerst, eene kleine afbeelding
van \'t H. Hart op te hangen aan \'t altaar van
\'t Noviciaat , waarin zij meesteres nas. Deze
afbeelding was uiet de pen geteekeud : maar hoe
nederig ook deze beeltenis was, de novicen ver-
eerden ze met vurigheid. Het volgende jaar luid
de vereerinir van de afbeelding van .lezii-\'H. Hart
^êltts
-ocr page 316-
^
310
IIËUTIGSTE DAO.
oen stap verder gedaan, \'i Was den 21 .luni HWO,
«eer Vrijdag na \'t Octaaf van II. Sacramentsdag.
r>c/r dag was in de eeuwige raadsbesluiten aange-
wezeu oin in dr Kerk de groote dag der openlijke
nanbidding van Jezus\' Iljirt te zijn. Dea morgens
zagen de Zusters der Visitatie te l\'nnn-le-Monial
in hare kapel, midden i» bet koor, cru klein
rustoltaar, nraarop de beeltenis van \'t H. Hart
te midden van bloemen en kaarsen was uitgesteld.
Ren briefje, dooi de Zalige Margareta Maria on-
derteckend , was aan \'t altaartje gehecht en 1100-
digde alle Zusters uit . neer te knielen voor die
beeltenis en zieh toe te wijden aan het uanbidde-
lijk Hall des Hecren. Allen gaven aan die uit-
noodiging gehoor, en er was iu heel het klooster
maai\' éenc stem en maar een hart , om het H.
Hart van Jezus te aanbidden en te loven. Met
geestdrift werd er besloten een groote en sehoone
schilderij van \'t II. Hart te doen vervaardigen
en tevens eoue kupel te doen bouwen, waar men
die schilderij zou ophangen eu vcreeren.
De zegeningen , door den Heer beloofd voor
alle plaatsen , waar het beeld zijus Halten vcr-
eerd wordt, ble\\eu ook voor dit klooster niet uit.
Het ontving in ruime mate de grootste zegening,
die ecu klooster ontvangen kan. nl. goeden geest
e.n ijver voor de volmaaktheid . die zieh open*
baarden door het bloeien der veibevenste religieuze
deugden il\'.
Ij Z. B. 1\'ius VI, bij Rescript vaa2Jan. 1799
\'XiUi
fctte^
-ocr page 317-
31 I
DEKTiaHTE DAO.
verleende een Alimit
nan alle geloovigen ,
n 7 jaar en 7 Quodrageneu
die rouwmoedig en inrl
ïodsvriieht dr beeltenis mui het nllerli. Huil
vim Jezus , ter publieke vcreering uitgesteld , in
«elke kerk , bedeplaats of op welk altaar ook .
bezoeken on eenigeu tijd bidden volgen» de
uiecning vau /. H.
GEBED.
o Goddelijk Huil van Jezus, ik offer 1 door
\'t Onbevlekt Hart van Mariu al mijne gebeden .
mijne werken en mijn lijden van dezen dn.;; op
in verocniging met de heilige inzichten, waarmede
6\\j U voortdarend slachtoffert <>]> \'t altaar. Ik
otter /e D bijzonder op voor al de noodwendig*
heden mijner eisene ziel en der zielen , die mij
dierbaar zijn , opdat wij hier in liefde vereenigd,
begiftigd met uwe zegenillgcu mogen leven en
eeuwig in de glorie samen mogen verbonden
yijn. Amen.
-ocr page 318-
LEZING
VOOH IIKN
FEESTDAG VAN T H. HART VAN JEZUS •>.
meusch gegeven is op te lichten.
Treffend om haren eenvoud is daarom dr
waarschuwing van Thomas ;\'i Kempis:
«Wacht u wel voor eene nieuwsgierige en
> mittelooze navorsching van het allcrdiep-
» stc Geheim des Altaars;... want die de
• Majesteit wil navorseben, wordt door
» den glans verblind.. .. Velen hebben de
» godsvrucht verloren , door het, zoeken
ii naar hoogere dingen." Maar van een
anderen kant klinkt zijne verzekering ge-
rnststellend, waar hij zegt: « Een god-
•> vruehtig en nederig opzoeken der waar-
1) Ysil. Maaudrozcn 1SK3.
-ocr page 319-
m*
313
FEESTDAG VAN IIKT 11. II \\KI \\A.NJKZI
• heid is geoorloofd ; maar men zij bereid
»zich cliuirin door anderen te laten onder-
» wijlen.\')" Als daarenboven dat zoeken
naar de waarheid ons geloof bevestigt,
onze hoop versterkt en onze liefde vcr-
levendigt, dan is het niet alleen geoorloofd,
maar tevens nuttig en heilzaam.
Beminde Lezer, gij weet, dat de feest-
dag , dien de H. Kerk heden viert, door
Jezus Christus zelven is uitgekozen. Eer-
tijds bestond dit leest niet, maar de zalige
Margarcta Maria heelt in eene openbaring
bevel ontvangen, te zorgen, dat het in de
II. Kerk werd ingevoerd, o Kracht der
genade Gods, die aldus het zwakke (eene
nederige , onbekende kloosterzuster , ver-
borgen achter hare tralies en onder haren
sluier,i uitkoos, om de grootste dingen
tot stand te brengen !
l>och nu rijst de vraag: Waarom koos
Onze Heer juist dezen dag uit voor den
feestdag van zijn II. Hart\'? Hier staat het
raenschelijk verstand stil en nederig moeten
wij het erkennen: wij weten het niet.
Toeh zij het ons jreoorloold te trachten
1) loiit. Chr. lib. IV. cap. 18.
<4ü
-ocr page 320-
fffr
-^m
KKESTDAG VAX HET
een tipje n|) ie lichten van tien sluier, die
tint geheim bedekt.
Rcmcrk toch, wanneer jni>t deze feestdag
gevierd wordt. I.i\'t wel, liemindc lezer,
is In t niet umi het einde van alle fecst-
dagen des Hi\'iTi\'ii\'.\' I> lii\'t nii\'t op een
Vrijdag 1 Is In-t nii\'t onmiddellijk nu het
octaaf van II. Sacramentsdag ? Aldezeom-
standighedeti /.uilen u duidelijker worden,
nis jiij ze een weinig nader \'overweegt.
Die feestdag dun valt aan \'I einde run
alle feesten des lierren
, die door hel jaar
gevierd worden. Kerstmis met zijne jubc-
lenile Engelen. in wier midden de Ver-
losser geboren wordt, is voorbij! IV Be-
snijdenis , waarin de Heer ons zijn eerste
Hloeil gaf, Driekoningen, waarop Hij zich
aan de heidenen openbaarde, zij zijn voorbij.
Paschen, waarop Hij voor ons dood en bel
overwon, Hemelvaart, waarop Hij voor
ons den Hemel opende ,
         Pinksteren .
waarop wij den II. Geest, den Vertrooster
ontvingen, wiens gaven ons toevloeien door
de II. Menschheid van Jezus, - II. Sacra-
mentadag, waarop wij de grootste zijner
weldaden dankbaar herdenken, zij zijn
söDQ
-ocr page 321-
S?p-
Sla
koml
II. HUM\' VAX .ll\'.Zl :
voorbij. Kii ziet nu. n;i die ullc
het fecsl «in \'t II. Hart. Dat is geen
tocviil. Hiit het tl zijne betcckeiiis. \'l K
alsof de Heer daardoor al zijne weldaden
wilde samenvatten en ons zeggen : « Mijn
Hart is de oorsprong van al die weldaden, (lij
helit u gelaafd aan den stroom, maar hier
is de bron. Hier is liet Hart, aan hetwelk
Ü\\\\ de kennis van alle christelijke waar-
lieden , die hel leven der nienschen en
volkeren in stand honden, te danken hebt.
Dit Hart klopte voor n in de kribbe ie
Rethlehcra; aan dit Hart dankt gij de
verlossing uit de slnvenketenen des duivels;
aan dit Hari zijn de heilzame wateren des
Doopsels en alle andere Sacramenten, die
kanalen van genade zijn, ontsprongen: dil
Hart heeft het grootste geheim der liefde
uitgedacht : het H. Altaarsacrament ; dit
Hart openbaarde u den II. (leest niet al
zijne deugden en gaven, (ledenk op dezen
dag al die weldaden te zauicu ; \'l zijn alle
slechts stralen; mijn Hart is de zon, die
ze uitschiet !" \'t Is dus geen louter toe-
val , dat die feestdag aan het einde der
feestenrij komt. (lelijk het « Amen" aan
IxUsya
^Éfcö
-ocr page 322-
(16                              FEESTDAU VAN UK.I\'
liri vlot viin i\'cn Relied , alles wal in dat
gelied vervul «mi gevraagd is, mei één
woord nog eens herhualt en samenvat, zoo
val dii leest ;illc andere nog eens samen
en herinnert ons in «rus alle leesten onzes
lli\'eren.
Dit leest valt np cc// Vrijdag. Ook
hierin zij hel ons geoorloofd de liefde van
Jezus\' II. Hart aantetoonen. De Vrijdag!
• I. welke tegelijk zoete en hittere herin-
neringen zijn voor het II. Har! aan dien
dag verhouden ! De eerste oogcnblikkcn
van den Vrijdag waren getuigen van dien
pijnlijken doodsangst in den hol\'van Olijven,
waar dat Hart geprangd en geperst werd,
indijk , zooals de Profeet zegt, cene druil
in de wijnpers. De Vrijdag, dien wij
naderhand den « Goeden" genoemd hebben,
zag Jezus geboeid, rondgeslcurd van straat
tot, straat, van rechter tot rechter; gegeo
seld , niet doornen gekroond , gehoond ,
verwenscht, gekruisigd tusschen moorde-
naren en eindelijk , — o liefde des llee-
ren! — onder \'t schokken t;n scheuren
der aarde, hij \'t verduisteren der zon en
liet opslaan der doodcu, den laatsteu snik.
bUci
-ocr page 323-
m
p-
II. II \\KT \\ VN .11.Zl
geven. Droevige herinnering voor \'t II.
Hart van Jezus! Maai* ook de Vrijdag
hoorde, hou Jezus zijne allerbenriunelijkste
Moeder tot Moeder aller Christenen aan-
steldc, en hoc uit den mond van Hem,
die onze verlossing op zich genomen bad.
de troostende woorden weerklonken :
«liet is volbracht!" De Vrijdag zag de
zijde iles Heerun openen, toen de lieer,
de tweede Adam , den slaap des doods
aan \'t kruis sliep en uit zijne geopende zijde
de H, Kerk, de nieuwe Eva, il. i. moeder
aller levenden , voortkwam. Zoete her-
innering! Zou ter norzake dier hcrinne-
ringen de Heer niet juist den Vrijdag heh-
lien uitgekozen voor den feestdag van zijn
H. Hart\'.\' Wat belet ons zulks te geloo-
ven\'! Zou dit ook de reden niet zijn ,
waarom Hij zoo groote gunsten beloofde
aan allen, die den eersten Vrijdag van
elke maand ter eere van zijn Goddelijk
Hart vieren en dan de H. Communie nnt-
vangen\'.\'
Maar nog eene andere omstandigheid
is aan dit feest verbonden. Het valt aan
\'t einde der feestenrij , op een Vrijdag,
-ocr page 324-
p
iriiiiir, let. wel, op di\'ii Vrijdag, die onmid-
ilfl/ijli polgt o/i hel octaaf van SacramenU-
il(iii.
Ook diii heelt zijne reden. Schijnt
daardoor Onze Meer niet te willen zeggen,
dat de devotie tot liet II. Sacrament en
tot zijn 11. Iliirt onafscheidelijk zijn van
elkander, en dat het doel van dien l\'eest-
dag en van die godsvrucht is, ons op te
wekken lot grooter liefde en godsvrucht
voor dat verheven geheim? Des morgens
nog bidt de Priester zijne Getijden ter
eere van \'t II. Sacrament, des middags
reeds ter eere van \'t Goddelijk Hart. Ja,
onafscheidelijk zijn die devotiën! Kan
toch het Hart gescheiden worden van het
Lichaam\'.\' Is het hart niet het middel-
punt , het edelste deel v;m \'t niensehclijk
lichaam \'.\' Welnu , des Heeren 11. Lichaam
vereeren wij vooral op Sacramentsdag en
onder het octaaf; want de II. Kerk noemt
dit leest : het leest van het Lichaam des
Heeren. Kn wat eeren wij op dezen dag\'.\'
Het edelste deel van dat Lichaam, dat
al onze vereering en aanbidding waardig
is, het middelpunt van al zijne bewcgin-
iren, de bron waaruit al de handelingen
->U< -
-ocr page 325-
P~*                                II. HAKT VAS JK7.CS.
der ecuwig geprezene II. Mcnschhcid des
Heercn voortkwamen. Dat zegt mis de
Goddelijke Zaligmaker zelf. Degodsvrucht
tot zijn II. Hart moet de menseben In*t\'ii-
jren tot de godsvrucht jegens het 11. Sacra-
inent, gelijk de knop brengt tot de bloem.
Waai\' verscheen On/e Heer aan de zali-
ge Margareta ".\' Was liet niet hoven een
altaar, waar liet Allerheiligste Sacrament
was uitgesteld, als wilde Hij zeggen :
niijii Hart en dit II. Sacrament zijn één ".\'
Wat vroeg Hij aan de zalige dienares
zijns Harten\'? Dat men Hem eerherstel
zon geven voor den smaad aan zijn II.
Hart in \'t Sacrament van liefde aangedaan!
Wat verlangde Hij voor eerherstel ? Dat
men de II. Communie ontvangen zou op
den Feestdag, dien Hij wenschte ingesteld
te zien, alsook op den eersten Vrijdag van
iedere maand , en Hij beloofde de onwaar-
deerbare genade der eindvolharding aan
allen, die Hem negen achtereenvolgende
maanden dat bewijs van liefde zouden
geven !
Neen, zij hegrijpen deze devotie niet,
die het II. Hart en het II. Sacrament schei-
-ocr page 326-
1*2-----------------------------------------------££Eg
3i<l                        FEESTDAG VAX HET
drii: die ccnc beeltenis van \'l II. Ilsirt
vereeren en daardoor niet worden opgc-
wckt, om dat II. Hart persoonlijk in hel
sianbiddelijk Sacrament des Altaars te
vereeren en te aanbidden. Zij gebruiken
een middel en verwaarloozen het doel !
Heeft nu inderdaad Onze Heer deze l>c-
doelingcn gehad, toen Hij dezen dag voor
het leest van zijn H. Hart uitkoos"? Gods
raadsbesluiten zijn ondoorgrondelijk ! En
uiet alleen de toekomst , maar ook veel
van het vcrledene en tegenwoordige is voor
ons oog verborgen. Dit is zeker: Heelt
Onze Heer Jezus Christus bij de keuze van
dezen dag bovengemelde bedoelingen gehad,
dan moeten wij er Hem voor danken en
beantwoorden aan zijne inzichten, erken-
tclijk dus heden de weldaden der Verlossing
herdenken, en steeds toenemen in liefde
en vereering van het heilig, ondoorgron-
^lelijk Geheim onzer Altaren , aan liet-
welk eer en glorie in eeuwigheid. H.
Hart , geef ons die genade en heerscli
door de liefde in de harten aller mcn-
sehen !
-ocr page 327-
OTTtXa
321
II. HAM VAX JK./.I\'S.
Voornemens.
1° Dezen dn:; doorbrengen in een blijde stem-
ming, en dikwijls het II. Hart bedanken voorde
weldaden . waaraan deze feestdag ons herinnert.
i" Niet verzuimen de namiddag-oefeningen
van dezen dag bij te wonen . en , zoo het H.
Sacrament is uitgesteld . Onzen Heer ten minste
eeuücen tijd gezelschap bonden in de kerk.
8° Anderen aansporen . om ook dezen da^
godvruchtig door te brengen.
VOORBEELD.
\'t Was in bet jaar 1705. Een novice in het
klooster der Jczuïten te Rome, niet name \\. L.
(\'elestini. leed sedert S maanden aan cenc ziekte,
die niet de minste hoon op herstel overliet. Sinds
ld dageu was hut hem onmogelijk ecu druppel
water door (e halen. Sprakeloos en oogcnsehijn-
lijk zonder bewustzijn lag de zieke op zijn 8mart-
bed ; alleen de ademhaling Verried nog het leven.
Eensklaps komt er ecu fristche blos op zijne
wangen. „Ik ben genezen!" mept hij met eene
heldere stem. „de H. Alovsius heeft mij genezen I"
De religieuzen , die er tegenwoordig waren .
vroegen aan den novice, wat er dan gebeurd was.
Nu verhaalde hij huu , dat de H. Aloysius van
(ïonzasrn hem verschenen was en hem gevraagd
had : „Wat. wilt iiij: de gezondheid of den dood >\' —
„Den wil (iods" antwoordde de novice. — Daarop
zegde de II. .\\lovsius : „Dewijl s»ij gedurende uw
il
ëxSOfcó
-ocr page 328-
:!J2 PÈESTDAG VAN I1KT II. IIART VVS .IKZI s.
ziekte geen ander verlangen gekoesterd hebt. dan
ilc H. Teerspijze te ontvangen, cm dat gij u voor
\'t overige aan Gods H. AVil hebt overgegeven .
schenkt ilc Heer u door mijne voorspraak hot
leven, opdat gij u op de volmaaktheid zondt toe-
leggen en lol uwen dood toe de godsvrucht tot
Jezus\' II. Hart zondl verspreiden; want de;e
ffodjtrrttcAt is dr,/ Jleittel zeer aangenaam."
l>e herstelde novice was altijd de/e aanbeveling
indachtig en spande al zijne krachten in , om
gedurende zijne overige dagen, de liefde van
.lezns\' H. Hart te verkondigen.\'\'
GEBED.
Heer Jezus, die door eenc nieuwe weldaad 1
gcwuardigd hebt aan uwc Kerk de onuitsprekelijke
rijkdommen van uw Goddelijk Hart te openen ,
leef, dat wij aan de liefde van dit allerh. Hart
mogen beantwoorden en de versmadingen aan
Hetzelve door de ondankbaarheid der menscheu
toegebracht met waardige dienstbewijzen vcrgoe-
den. Dit vragen wij U, die leeft en heerscht met
den Vader en den H. Geest, God in alle eeuwen
der eeuwen. Amen.
-ocr page 329-
GEBEDEN ONDER DE H. MIS.
"Voorbereiding.
Wanneer pij u naai" tlo H. Mis l>oi;ool\'t . \\er-
breld u . dat sij don bon» van (\'alvario bestijgt ,
•>m mot do H. Maagd Maria, mot Jonnnea en
Macdalena ondor hot kruis to staan.
ii Allerheiligste Drievuldigheid, geef
mij de genade. dat ik hol U. Misoffer
eerbiedig on aandachtig bijwone. Ik wil
hot in voreomging met den Prieister aan
uwe goddelijke Majesteit opdragen :
1° Tot verheerlijking van uwen H.
Naam ;
2° Tot vergiffenis mijner zonden en tot
voldoening dor straffen, die ik voor dezelve
verdiend heb :
3» Tot dankzegging voor alle weldaden,
die ik van u ontvangen heb :
4» Tot verkrijging van meerdere genade,
hulp en sterkte, om do bekoringen te
overwinnen . voornamelijk , deze ..... om
de heilige deugd van zuiverheid onbevlekt
-ocr page 330-
^m
:\'.:.\' I
GKBKDEN OXM\'.U
to bewaren en in de heiligmakende tï«"im-
de (ot mijuen dood toe te volharden.
Neem, o barmhartige God. dit offer
genadig aan en verhoor mijn gebed . door
Jezus Christus uwen Zoon, die met I\'
leet\'t en heerac.ht in de eenheid des li.
Geestes. God van eeuwigheid tol eeuwig-
beid. Amen.
Confiteor.
fSrJiHlrfMtjifsiiit.j
Anii den voel van hel altaar brtuiirl de prii-s-
tcr zijne univnnrdieheid om In-t H. OiVer op te
�9D
drogen. Mei den misdienaar doel hij daar ecu
vurig gebed, legt ccue openbare belijdenis zijner
zouden af en klopt tot tecken \\:m berouw drie-
maal op zijne bont.
liet is niet noodig , n mijn God, dat ik
mijne zonden voor l\' belijd, om ze l* te
doen kennen: (Jij kent ze veel beter, dan
ik ze ooit kennen zal: (Jij leesl ze in mijn
hart. Doch om mij zelven te vernederen
belijd ik dezelve in tegenwoordigheid van
hemel en aarde. Ik beken, dal ik Uawaar
beleedigd lieb door gedachten. woorden
en werken . en uwe verontwaardiging ver»
diend heb door mijne schuld. door mijne
schuld, door mijne allergrootste schuld.
O Maria, die de Toevlucht der zouda-
ren zijl. mijn H. Engelbewaarder, mijne
"^ETS
-ocr page 331-
OPjtXj
^o
32
1111. Patronen . bidt voor mij Mi verwerft
uiij de vergeving mijner zonden.
Introïtus*
f biga\'tigsgftbi\'d.J
l>e priester beklimt het altaar, kitst hetzelve
tot teeken van eerbied voor .le/us (\'hrisliis , die
daarop weldra nis Offer zal nederdalen, en ter
eere del\' heilige dienaren en vrienden (ïods, wier
relikwieën in liet altaar bewaard worden. Dan
bidt hij hel Ingattgsgebed ol\' Introïtus.
De Heer za! zich ontfermen . overeen-
komstig de menigte zijner bannbartighc-
den; «nut niet uiterhartc heeft Hij de
kinderen der mensclion vernederd en ver-
worpen. J)e Heer is goed voor die op
Hem hopen en voor de /.iel . die FTem
zoekt. Alleluja . Alleluja !
Ps. He barmhartigheden des lleereu zal
ik in eeuwigheid bezingen van geslacht 1-ot
geslacht. Glorie zij den Vader enz.
Kyrie Eleison.
Heer, ontferm U onzer. (drieitiaal.)
Christus , ontferm Y onzer.
Heer , ontferm U onzer.
Gloria.
Het (iloriu is de lofzang der Gugclen, een vrcug-
dezong. Daarom wordt het achtergelaten, als de .
-ocr page 332-
9P
o-\'li                            ORBKUKK OXIil\'.li
fr3
priester len tceken van rouw cd\' boetvaardigheid
oen zwart of paars kasuit\'el draagt.
Glorie zij aan God in den booge, en vrede
op narde aan de menechen van goeden wil!
Wij loven I" : wij prijzen U: wij aanbidden
TT: wij verheerlijken ö : wij danken U . oui
uwe groote glorie. Heer God , hemelselie
Koning, God, Almachtige Nader: Heer
Jezus Christus. Ëeniggeboren Zoon des
Vaders. Die wegneemt de zonden dei-
wereld . ontferm l" onzer. Die wegneemt
de zonden der wereld, neem onze smeeking
aan. Die aan de rechterhand des Vadera
gezeten zijt . ontferm Ir onzev. Want (rij
zijt alleen de Heilige . Gij alleen de Heer.
Gij alleen de Allerhoogste : .Jezus Christus,
met den II. Geest . in de glorie van God
den Vader. Amen.
iln gezonnen missen kan men van het Kjrie
tot het Gloria gevoeglijk bidden :
J)e Litanie van hit H. Hart.i
Qobetl.
Als de priester /.ieh tot de aanwezige !&looviseu
keert , zegt hij : DomêuM ooburmn (dn lieer zij
met u).
Zij antwoorden door den misdienaar:
Et ri\'t» spiritu liw (e,i mei uwen oeesij d. i. zoo-
»ls de Heer met o*ix moge r?Z\'\'//
. zito zij Hij
ook mft /\'.
-ocr page 333-
ip"
ÜKUEDEN UNDE11
,A.\\T ONS BIDDEN.
Almachtige God , geef, smceken wij l .
dat wij, die in hei Allerheiligste Hart van
uwen beminden Zoon onzen roem stellen
en daardoor de voornaamste weldaden zijner
liefde jegens ons herdenken, geef dat wij
gaarne die weldaden mogen gebruiken en
er de vruchten van genieten. Door den-
zelfden Jezus Christus Onzen Heer, die
met 1* leefi en lieerseht in alle eenwen.
Amen.
Epistel:
Lees hici aandachtig de volgend*) /.insneden uit
den Profeet Isaïas; bedenk daarbij, dat de H.
Geest die waarheden heeft ingegeven en dut /.ij
geschreven zijn tot uwe onderrichting.
.. Jk loof l" . 0 lieer, omdat toen (rij op
.. mij vertoornd waart, uw toorn zieh heeft
..afgewend en (iij mij vertroost hebt. Zie-
., daar (iod , mijn Heiland. Ik zal ver-
.. trouwen en niet vreezen : wam mijn Sterkte
..en mijn lof is de Heer, en Hij is mij tot
.. heil geworden. Gij zult water scheppen
„in vreugde uit de bronnen des Zalig-
., makers! tën gij zult op dien dag zeggen :
„looft den Heer en roept zijnen Naam aan.
„ Gedenkt. dat zijn Naam hoog verheven
-ocr page 334-
J2K                                  |)E II. MIS.
,. is! Zingt don Heer, want heerlijke dingen
„beeft Hij gedaan\'. Verkondigt dil over
..de gansche aarde. Verhettgl u en juicht,
.. gij bewonen van Sion . wan) groot is in
.. uw midden de Heilige van Israël."
Moe goed stijl Gij. o God! (>ij zorgt
niet alleen voor ons lichaam . maar ook
voor onze ziel. Gij maakt ons uwen wil
bekend en toont ons den weg naar den
Hemel. Ik dank l." voor uwe heilzame
onderwijzingen . en maak liet voornemen .
mijn leven zoo in te richten, gelijk <;ij
verlangt. Help mij door nwe genade, (ieet\'.
dat ik alles beminne, wat (lij gebiedt, en
alles bate. wat (lij verbiedt.
Mijn Jemig, zachtmoedig en ootmoedig
van harte . maak mijn hart gelijk aan bel
uwe.
Kvangelie.
Hit Kvangelio wordt staande aangehoord ton
trekou van eerbied voor hel woord (ïods, in
i Evangelie vervat. Men toekent zich met het
krui* oj» voorhoofd . mond en borst; daardoor
vragen wij nan God , dal wij zijn II. Woord met
hel vei\'ittntid begrijpen , met den mond belijden
• \'ii niet het hart beminnen mogen.
Lees en overweeg de volgende woorden uit het
Evangelie van den II. Jonnne»;
<-^Uó
6 [)&•>
-ocr page 335-
ff
BE il. mis.                                 :Vi\\>
„In dien tijde vroegen de Joden aan
.. I\'ilalns (want het was voorbereidingsdag).
.. opdat de lichamen niet aan het krui*
../.ouden blijven hangen op den Sabbath
..(want deze was een groote Sabbathdag).
.. <lni linnne boenen verbrijzeld en zij at-
.. genomen zonden norden. I>e soldaten
„kwamen dan en verbrijzelden wel debee-
.. nen. van «lm eersten en den tweeden, die
.. met Hem gekruisigd «aren j doch toon
..zij tot Jezns «aren gekomen en zagen.
..dal Hij reeds gestorven was. verbrijzelden
.. zij zijne beenen niet . maar een der sol-
.. daten opende niet zijne lans zijne zijde :
.. en terstond vloeide er bloed en water
.. uit. Kn hij . die liet gezien heeft . heeft
.. er getuigenis van gegeven ; en zijne ge-
.. tnigenis is waarachtig."
Credo.
Dit wordt gebeden of gezongen op alle Zondagen,
op do feestdagen van Onze» Heer en de Alleih.
Maagd . alsmede on\' de Feestdagen der Apostelen
cu der Kerkleeraais.
Ik geloof in éénen (iod, den almachtige»
Vader. Schepper van hemel en aarde, van
alle zichtbare en onzichtbare dingen.
En in éénen lieer Jezus Christus. Gods
\'tjö\'3                                                         i-xnld
-ocr page 336-
"^
330
QEKEDEN ONIIElt
Kengelmren Zoon. en uit rif 11 Vader vóór
alle cciiwiMi geboren, God vim (ïod. liclil
van licht, «raarachtig God van waarachti-
gen (Jod : voortgebracht . niet gemaakt .
van ééne zelfstandigheid met den Vader,
door uien alles gemaakt is. Die om ons.
mensclien . en om onze zaligheid is neder-
gedaald van den Hemel. Eu i* l\'U-escli t/r-
tnordeu
,/„,„• den II. Geeit, "il <!<• Maagd
\\ln,-in i-n is Me/ixcli geworden.
Hij is ook
ifekrnisl voor ons onder l\'ontiiis 1\'ilatus.
Hij heef) geleden en is begraven ; en Tlij
is ten derden dage. volgens de Schriften,
verrezen: en Ilij is opgeklommen len He-
inel : zit aan de rechterhand des Vaders :
vandaar zal Hij wederkomen in glorie,
om te oordcelen de levenden en dooden :
wiens rijk geen einde zal hebbel).
Ik geloot\' in den II. Geest . den Heere
en levendmakende. die uil den Vader en
den Zoon voortkomt : die niet den Vader
en den Zoon te zamen aangebeden en mede
verheerlijkt wordt : die door de Proleten
gesproken heelt.
Kn ééne Heilige. Katholieke en Apos-
tolieke Kerk. Ik belijd één doopsel ter
vergeving van de zonden. Kn ik verwacht
de verrijzenis der dooden en het leveu
der toekomende wereld. Amen.
\'ê^JJB
SUsïï
-ocr page 337-
m^
:;:\', I
Kt. II. IMS.
Mis
uu het
welke
fn ri\'iic ire/.omrcn H.
<\'rcdn een of meer der
hier achter volseu.
kan men
en bidden .
5
Offerande van Brood en Wijn.
Hier begint liet eerste van de drie voorname
dcelcn der H. Mis.
Weldra, o Hemelsein\' Vader, zal liet
brood en de wijn . die de priester C aan
liet altaar opdraagt . door de woorden der
Consecratie veranderd worden in liet Iii-
ehaam en Bloed van Jezus. Deze, uw
welbeminde Zoon. zal zich opnieuw aan l\'
«polieren , om ons aan de verdiensten van
zijnen kruisdood deelachtig te maken. In
vereeniging mei zijn II. Hart draag ik l"
ook mij zelven op en wijd l mijn lichaam
met al zijne zintuigen . mijne ziel niet al
hare krachten. Ik neem mij voor vandaag
al mijne werken tol uwe eer te verrichten
en alles uit liefde tot U te lijden . wat
mi) heden lastig of moeilijk zal overko-
men. Jk zal ook mijn best doen. om
mijne ziel zuiver van zonden te bewaren .
vooral van de zonde.... waarin ik reeds
te dikwijls gevallen ben. o H. Hart . ze-
gen dit voornemen . opdat ik daaraan ge-
trouw lilijvc.
"^333
-ocr page 338-
i32                            QKIIKUEN ONUEU
"Vinserw.\'if-^chiiüj;.
Wasch mij. o God, meer en meer van
mijne ongerechtigheden en reinig mij van
mijne zonden ; mank mijne ziel zoo zuiver
en schoon als zij onmiddellijk na haar
Doopsel was.
Or.-ito Fratres.
I ll\'nll . Htljlie ll,-iifl,;:i.)
I>e Heer ontvangt\' deze offerande uit de
handen des Priesters tot lof en eere van
zijnen Naam, lot voordeel van ons en van"
zijne geheele 11. Kerk.
DProfatio.
]>it is een lolticd, welks naam : voorrede of voorbe-
rciding bctcekent, omdat hot do Consecratie iooraf-
Raat. Aan het ciudc vun de prefatie bidt de
Priester bet loflied der Engelen , dat in het ]/»-
tijn begint met het woord : Sanrtna d. i. heilig,
alsmede lid gezaug der schare, die Jezus hij zij»
intocht in Jeruzalem begroette : Tleuedictua en
Hosanna.
Het jjelukkig oogenblik nader
de Koning der Engelen en dei-
op het allaar sraat verschijnen,
. waarop
mensohen
Vervul
dat mijn
alleen op
mij
> lieer, niet uwen Geest
onthecht van de aarde.
hart .
"cx?Uó
|CTJ
-ocr page 339-
orpo
33:1
l>K II. MIS.
l" zijne gedachten vestige. Welki" ver-
pliehting lii\'l) ik niet, <>m l te allen tijde
en op alle plaatsen te danken en teloven!
Niets is billijker, niets is roordeeliger,
diin (l.\'if wij ons niet het H. Ilnrt van Jezus
Christus vereenigen, om l\' onophoadelijk to
aanbidden. Mei is door Mem. dat alle !{e-
luksalige (leesten uwe Majesteit loven; bet
is door Mem. dal alle krachten der Hemelen.
bevangen diK>r eene eerbiedige vrees, zieh
vereenigen, <>m 1" te verheerlijken.
Gedoog, Meer. dal wij onze zwakke
lofzangen niet die der hemelsein* Geesten
vereenigen en dat wij te samen juichend
en met verwondering uitroepen :
Meilis;, heilig, heilig is de Meer. de
(iod der Heerscharen! Memel en aarde
zijn vol van uwe heerlijkheid. Hosanna
in den hooge! Gesegend Mij. die komt
in den naam des Meeren \'. Hosanna in
den hooge.
(\'.mem. .",
({iftliirhtnim dêr Levende-u.)
Yau au af tot hot „Pater nostet" doet de
Priester alle. gebeden ia stilte. Dit stille bidden
(*t Dit woord beteekent: Kegel. .Men noemt
olzoo dit selied omdat het geregeld ia elke H. Mis
voorkomt.
cxjttó
-ocr page 340-
ÊP2-----------------------------^H
\'V-ii                           QKttKDEK UXOEK
heeft iets fgchcimvols en is daarom zeer geschikt
om den heiligen eerbied, waarmede de peloovigon
de II. Offerande moeten bijwonen . te verhoogen.
Ik smeek l". o goedertierens! e Vader,
door Jeans Christus . nwen Zoon , onzon
Heer. de offerande gunstig aan te nemen
en ie zegenen . welke ik U opdraag voor
de II. Katholieke Kerk. opdat hel U be-
lieve haar te bewaren . te beschermen en
te besturen, niet onzen II. Vaderden Paus,
onzen Bisschop en allen . die liet ware ge-
loot\' belijden.
(Jedenk. Heer, uwe dienaars en diena-
ressen , bijzonder mijne ouders. bloedver-
vt anten, vrienden, weldoeners en allen voor
wie ik verplicht ben te bidden. Maak ben
gelukkig op aarde en geef bun eenmaal
deel aan bet eeuwig gelnk des Hemels.
Ik bid U ook voor den Priester, die liet
II. Sacrificie opdraagt, voor allen, die hier
tegenwoordig zijn. alsmede voor de bekee-
ring der zondaars, ketters en ongeloovigen.
Rn opdat mijne gebeden IJ welgeval liger
mogen zijn . vereenig ik ze met die der
Allerli. Maagd. der HH. Apostelen Pe-
trus en Paulus en van alle Heiligen.
Consecratie.
De Consecratie is liet gewichtigste en heiligste
deel van de H. Mis. Verdubbel dus uwc nan-
-ocr page 341-
^2-------------------------------^m
Dis ii. .mis.                                 :i:i.">
>hii\'lit en godsvrucht. Leg uw kerkboek neder,
buig met den diepsten eerbied uw hoofd , denk ,
dat de hemel opengaat en Jezus Christus in pcr-
soon op het altaar versehijnt. Zeg :
Hij de opheffing doi\' H. Howtie.
Geloofd en gedankt zij te allen tijde
het allerheiligste en goddelijke Sacrament.
(100 dagen all. ondel\' iedere II. .Mis bij de
opheffing eens te verdienen. 7 Dec. ÏSI\'.).»
Jezus. ik gelooi\' in U. omdat (tij de
eeuwige Waarheid Bijt. Jezns. ik hoon
op 17, omdat Gij de eeuwige Bannhar-
tiglieid asijt. Jezus, ik bemin U bovenal,
omdat Gij boven alles beminnelijk zijt. o
•Jezus , vermeerder mijn geloot\', mijne hoop
en mijne liefde.
Bij do opheffing van den Kelk.
Ecnwige Vader, ik offer 1" het aller*
kostbaarst Bloed van Jezus Christus tot
voldoening mijner zonden en voor de nood-
wendigheden der H. Kerk.
(100 dageu all., telkens. 22 Sept. 1817.)
xEBFT
-ocr page 342-
>^<j[7[0
GKUEDEN OXDEH
>T:i de Consecratie,
{Gettarktenh At oeerteée»r&.)
Nu is Jezus Christus wezenlijk op het altaar
cu offert ticb nan zijnen Hemelïchen Vader oji,
om ons aan de verdiensten vnn zijn Kruisdood
deelachtig te maken.
Zie. o Vader, uit den boogen Hemel
op het altaar neder, waar het H. Bart
van Jezus. uw teerbeminde]] Zoon , zich
aan V opdraagt voor de Konden zijner
broeden en wees mij om zijnentwil ge-
nadig. (iodonk. o goede Vader, do smar-
ten . die dat Hart voor mij heeft verdrn-
gon. de algcheelc verlatenheid. waarin
Het aan hel kruis zich bevond . het Bloed,
dat Het tot den laatsten druppel vergoten,
den schandelijken dood. dien Het voor
mij onderstaan heeft. AVces mij dus ge-
nadig, vergeet\'mij het kwaad, dat ik tegen
IT begaan lieb: heilig mijne ziel en stort
uwen overvloedige]] zegen over mij uil.
Door denzelfden .T. (\'. onzen Heer. Amen.
Jk bid II ook voor de geloovige zielen
in het Vagevuur, vooral voor N. 2\\. voor
degenen . die in mijne gebeden zijn aan-
bcvolen en voor wie ik het meest ver-
plieht ben te bidden. Genadige (lod, heb
"ë^Do
(<>•>
-ocr page 343-
de ii. mis.                            :!3T
medelijden met haar, verlos haar uit de
pijnen . opdat zij in den Hemel met de
Knielen en Heiligen eeuwig uwen lof
zingen. Amen.
JPater noster.
Almachtige, eeuwige God! Gij hebt
ons door uwen Zoon geleerd. hoe «ij
moeten bidden : vol vertrouwen op zijne
verdiensten durven «ij zeggen : Onz» I "-
der, enz.
o lieer, verlos ons. bidden wij l* . van
alle kwaad . dat verleden . dat tegenwoor-
dig, dat nog aanstaande is: en verleen
ons door de voorspraak van de zalige en
roemwaardige Moeder Gods Maria, altijd
Maagd, van de HH. Apostelen Petrus en
Paul as en Andrcas en alle Heiligen genadig
vrede in onze dagen . opdat wij, door den
bijstand uwer barmhartigheid geholpen .
te allen tijde vrij mogen blijven van zon-
den en van alles wat onzen vrede zon
storen. Door denzelfden Jezus Christus.
onzen Heer. uwen Zoon , die met TI leeft
en heersen! van eeuwigheid tot eeuwigheid.
_A.gnus Doi.
Hij het einde van hel voorgaande gebed breekt
Ie priester de H. Hostie en laat een deeltj
-ocr page 344-
:i3S
i;i:i:i;in:x oxdkii
diiurvan in den krik vullen. Vereenig u in
ircbed met licm rn zeg , driemaal rouwmoedig op
uwe borst kloppende :
Lam Gods, dm wegneeml de üoncleii
ilcr wereld, ontferm 1\' onzer.
Lam Gods. dal wegneemt de zonden
der wereld, oiitt\'erin I\' onzer.
Lam (<<x 1 s . dm wegneeinl de /.ouden
der wereld . geef ons den vrede.
Communie.
Daarna neemt dr Priester de II. Hostie en zegt
vol nederigheid en vertrouwen, zooals do hoofdman
vun hel Evangelie, driemaal: Ucer, ik ben niet
maardiy
, rus Dan nuttigt liij liet Lichaam des
Hceren en vervolgens ook het II. Bloed. Als
gij niet werkelijk communiceert . zult gij op de
volgende wij/e ecne geestelijke communie doen.
Heer Jezus t\'liristns. Zoon van den
levenden God, ik durf tol de II. Tafel
niet naderen, om uw II. Lichaam en dier-
baar Bloed ie nuttigen. Ik bid evenwel
uw goddelijk Hart, mij aan de uitwerkselen
der II. Communie deelachtig te maken :
verlos mij. door de kracht dezer hemelsein*
spijs, van al mijne boosheden en van alle
kwaad: geef, dal ik altijd getrouw blijve
aan nue gehoden, en laai niet toe. dal
ik ooit van l\' gescheiden worde.
cxyló
£tic7T
-ocr page 345-
op.
:\'.:!\'.!
IIK II. MIS.
Goddelijk ll.\'iri. hoe gaarnezou ik nu zoo
/.uiviT vim zonde zijn . dat ik I in <!<•
II. Communie nioclil ontvangen, om innig
mei I\' rereenigd te «\'orden. Mijn hart
verlangt vurig naar I: maar ik ben niet
waardig, ihii (iij onder mijn dak komt,
diicli spreek slechts één woord en mijne
ziel zal gezond worden.
Heer. ik ben 11 iel waardig , enz.
Heer. ik ben niel waardig, enz.
o II. Maaltijd, in welken Christiisgcnut-
ligd. de gedachtenis van zijn lijden ge-
bonden , ilc ziel niel genode vervuld en
ons het onderpand der toekomende glorie
gegeven wordt.
Ziel van Christus , heilig mij.
Lichaam van Christus, maak mij zalig.
Bloed van Christus, verzadig mij.
Water van Christus\' zijde, reinig mij.
Lijden van Christus, versterk mij.
o Goede Jezus, verhoor mij.
Laat niet toe, dat ik van 1\' gescheiden
worde.
Tegen den bonzen vijand verdedig mij.
In het uur van mijnen dood. roe]) mij.
Doe mij dan tot l\' komen .
Opdat ik mei uwe Heiligen I\' love,
In de eeuwen der eeuwen. Amen.
(300 dagen aflaat telkens. \'J Jan. 1 sr>4.j
\'•eLU
btfe
-ocr page 346-
»
^S
DEUEUES ONDES
Na <le H Communie,
:; in
o Heer Jezus Christus, (üj zijl waarlijk
de goede Herder eu bemint ons. uwe
schapen . op ile innigste wijze, (üj hebt
uw leven voor ons gegeven en blijft voort-
dnrend voor ons welzijn bezorgd: Gij
voedt ons met uw eigen vleeseh en laaft
ons met uw eigen bloed in de II. Com-
niunie. Wij danken I\' voor uwe groote
liefde en smeeken I\'. dat (üj ons altijd,
vooral in liet uur van onzen dood . tegen
den helschen wolf. den duivel . willet
beschermen. Sta ons bij . opdat wij l\'.
onzen goeden Herder, als getrouwe selin-
pen volgen op den weg der deugd . om
eens tot hel eeuwige leven te mogen ge-
raken. Amen.
Zegon
Verheeld n , ilut God u zegent door de hand
van zijnen dienaar, deu Priester, kniel dan
eerbiedig, maak godvruchtig het tecken des H.
Krniscs en zeg : Mij zegene de almachtige God ,
de Vader en de Zoon en de H. Geest. Amen.
Ja, zegen mij, o goede God : zegen mijn
lichaam met al zijne zintuigen . mijne ziel
met al hare vermogens ; zegen vooral mij-
uen wil . opdat ik V bovenal beminne
en uwe geboden getrouw onderhoude.
Amen.
-ocr page 347-
Op------------------------------------^Dg
in. h. \\m>.                            \'!H a\'
St. Jan« 10\\\'nngelie.
in den beginne was bel Woord on hol
Woord «as bij (Jnd. en hoi Woord wasGod.
Dit was in don beginne bij God. Alle
dingen /.ijn er door gemaakt ; en zonder
Dat is er niets gemaakt van hetgeen er
gemaakt is. Daarin was het leven . on
het leven was het lieht dor mensehen ; en
het lieht schijnt in de duisternissen en de
duisternissen hebben hel niet begrepen. Kr
was een inenseh van God gezonden, wiens
naam was Joannes. Deze kwam tot getui-
genis. om getuigenis van het lieht te
geven . opdat allen door hem gelooveu
zouden.
Hij zelf was het lieht niet . maar om
getuigenis van het lieht te geven. Dit
was het waarachtig licht, hetwelk allen
menseh vorlieht. die in deze wereld komt.
Hij was in de wereld en de wereld is
door Hem gemaakt . en de wereld hoeft
Hem niet gekend. Hij kwant in zijn eigen-
dom . doeh de zijnon hebben Hom niet
aangenomen : maar allen . die Hem aan-
genomen hebben, heeft Hij inaeht gegeven,
om kinderen Gods te worden ; degenen .
die in zijnen Naam gelooven . die niet uit
den bloede, noch uit den wil des vleosehes.
-ocr page 348-
pr
^
OEUEDKN nNliKK
"\'«•li uil ili\'ii «il des inniis geboren zijn.
/•.\'// //••/ U\'imii/ m rleexrk i)eir.iirilrn en lli\'t
lircl\'i onder mis gewoond. En «ij lirbbpn
zijne glorie gezien . peur glorie nis des
hengpborpnpn van <t*-1> Vader, vol genade
en waarheid.
GcJ>o\'loti na de ntille H Mis , voor-
Ersclirevcn dooi\' Z. II. I\'aus
Leo XIII.
Driemaal hei ..Wees Gegroet enz.
VVeei gegroet, o Koningin. Moeder vim
barmhartigheid : ons leven, onze zoet-
lieid en onze hoop, wees gegroet.
Tui 1 roepen «ij. ballingen, kinderen
van Eva.
Tol l" smeeken «ij . zuchtend en «ee-
nend in dit diil vnn tranen.
Daarom dun. onze Voorspreekster, sin
"l> ons uwe zoo barmhartige oogen.
Kn loon ons, mi deze liiillingsi\'liii]). Jezus.
de gezegende vruehl n«s lichaam*.
O goedertierene, o ineedoogende; o zoele
Maagd . Maria.
>". Uid voor ons. H. Moeder Gods,
l\'t. Opdal wij de beloften vnn Christus
tvaardiic «\'orden.
^ëöó
fctfe^
-ocr page 349-
r
:;i:;
DE II. Mis.
Laat ons hiihh.n.
O God, onzi\' toevlucht <\'ii onze kraeht, zie
•reliiidig neder op liel lul l roepende vuil» :
ril door de voorspraak der glorierijke en
(inlievlekle Maagd en Moeder (iods Maria.
ran den II. Jozef, haren Bruidegom . van
uwe UU. Apostelen Petrus en l\'iiiilns en
alle Heiligen, verhoor liarinliarlig en goed-
gunstig de gebeden, welke wij storten voor
de bekeering der zondaren, voor de vrijheid
en de verhelling onzer .Moeder de II. Kerk.
Door Christus, onzen Heer. Amen.
Heilige Aartsengel Miehacl, verdedig ons
in den strijd, wees onze bescherming tegen
de boosheid en de lagen des duivels. Wij
sineeken nederig \'laf Umi hem ijeliinh: en
ti\'(\\ . aanvoerder van het hemelsche heir.
drijf den Satan en de andere hooze gees-
lm . die ten verderve der zielen in de
wereld rondzwerven, door de goddelijke
kraclit in de hel terug. Amen.
\'/.. II. verleent jwrdsmisti;: 3(1(1 diisi-u iitlant
iniii hen die de/e gebeden , als boven , geknield
doen.
• t _ - • -—_> •
"cöÜ3
óXIs^
-ocr page 350-
W---------r—~---------^
Oefeningen vóór de H. Communie.
1.     (ÏBLOOF: O mijn Jezus, ik geloot
vast, al wat Gij geopenbaard hebl i vooral
geloot\' ik . dat Gij wezenlijk tegenwoordig
zijt in het II. Sacrament des Altaars, om-
dat Gij het zelf gezegd hebt.
2.     Aanbidding : O mijn Jezus, in ver-
eeniging met alle Kngelen en Heiligen .
aaubid ik 1T in liet allerheiligste Sacra-
inent . waarin Gij uit liefde voor mij zijt
verborgen : ik aanbid V als mijn Heer en
mijn God. als mijn Schepper en mijn
Zaligmaker. —
:i. Bkhoiw : O mijn Jezus, ik betreur
uit geheel mijn hart al mijne zonden ,
omdat ik daardoor V . mijn goeden God ,
dien ik boven alles bemin . bedroefd en
beleedigd heb.
I. OoTiioEDiaiiKiD: Mijn Heer en mijn
God. hoe durf ik na zoovele beleedigingen
wog tot [\' naderen ! Neen . ik ben niet
-ocr page 351-
SP2-----------------------------tB
<< IMMUNI KOKKEN INiiEN .                     \'i l->
waardig, 1 in mijn Hart te ontvangen;
maar spreek slechts £én woord en mijne
/iel zal gezond worden.
5. Hoop : O liefdevolle Jezus, uwe
goedheid en barmhartigheid is oneindig
groot. Gij komt tot mij en wilt in mijn
hart wonen. Jk vertrouw dan ook vast ,
dat Gij mij zult heiligen en mijn hart met
uwe genade vervullen. —
(\'). Liefde: O mijn Jezus, Gij hebt
mij bemind tot den kruisdood toe ; en uit
liefde voor mij wilt Gij nu ook het voedsel
mijner ziel worden. Ontvlam mijn hart
in wederliefde. Ik bemin U, lieve Jezus,
uit geheel mijn hart . ik bemin U moer
dan mij zelven . ja uit liefde tot U wil ik
leven en sterven. —
7. Verlangen : Kom, lieve Jezus, kom,
en neem bezit van mijn hart. Het zal
geheel aan U toebehooren.
          Kom in
mijn arm hart en vervul mijne wensehen ,
kom, en heilig mijne ziel j kom . zoete
Jezus . kom !. . . .
Vóór dat do Priester de H. Communie geeft,
toont hij imn dr communicanten de H, Hostie
en *ïgt hij driemaal : Dom\'me non snni digmu ;
klop dan driemaal op de borst, en zeg uit het
volste besaf uwer imwanrdiiïhcid \'Mik driemaal :
"ê^të
SbJcyir
-ocr page 352-
-^m
310
( ÜMHl\'KIEOEFKNIKOEX.
lieer , /\'/• hen niet vaardig , ilnl tlij i,t mijn hart
fcotut; maar spreek slechts één Koord en mijtte ziel
zat gezond Kortten.
Wijl\' daarna aanhoudend, langzaam en vuriir
KT/m-hten : i. Jezus, ik geloof in I ojeztrt,
ik hoon tijt t ;
— */ Jrzi\'f. ik beutin I.
lüj het knielen voor de Communiebank u"i{
uien: Geloofd zij Jezus (\'lirislns in Int II. Sur, n-
utettt des Al Innen.
Als di\' Priester u de II. Hostie geeft, leg
dan, niel met den mond, maar met bet hart:
liet Li e/i aam eau Onzen lieer Jezus (Jhrisftts
lieenre mijne ziel len eeiurii/en leeeli.
Hcl\'haal
dil in stilte eeltige malen na de II. (\'nmtnuuie.
23
Oefeningen mi il<\' 11. (\'om in unie.
Aanbidding : U mijn lieve Jezus, ik
aanbid l in mijn liurt nis mijn God, mijn
Verlosser en Zaligmaker.
Ni:m:i:ii.i[ 1:11>: Van naar komt mij hel
geluk, <lnt (iij, mijn Jezus, I gewnnrdigt.
in mijn arm lmrt te komen rusten !
Dankzegging : .Mijn Jezus, hoe zal ik
l genoeg kunnen danken! i> Maria, mijne
lieve Moeder, mijn H. Engelbewaarder en
mijn II. Patroon . aanbidt, looft, ]>rijst en
dankt Jezus niet mij. - •
17.
\'^ëfclo
-ocr page 353-
£Jp-
-.M
i iiMMI NIGOKI ENIXüKN.
()i\'in ri:uiN(i : (Jij hebt, ü goede .le/.us .
I\' geheel aan mij geschonken. ik geef mij
i>i>k geheel nan I\': ik offer V op mijne
snel en mijn lichaam . mijne gedachten en
begeerten, mijne woorden en :il mijne
werken.
I.ikkdk: Ik bemin I . lieve Jezus, mijn
CJod en iiiijn al! Ontvlam mijn kond nart
door liet vuur uwer liefde en Itiiil niet
toe. diil ik door de zonden ooit van I
gescheiden worde.
Vit.UiKS : Lieve Jezus , (iij zult mij nu
niets weigeren. Geef mij al de genaden
die ik noodig lieb . om de zonden te vev-
inijden en de deugd te beoefenen. Bewaar
mij vooral voor de zonden vim ....
Hid verder voor uwc Ouders, \\oorZ. H. dcu 1\'aus.
voorde 11. Kerk, voor dr lirKeiriiiL\' der zondaars,
ketters en oageloovigcn. voor de zielen des
Vagcvuars i voor uwe weldoeners eu voor allen,
in wie itij ocnig belang stelt. —
"^Ü3
-ocr page 354-
GEBEDEN ONDEH HET LOF.
Akl<* v.\'tti Q-eloof on T)ankx*»i;jjii)t£
Geloofd en gedankt zij elk oogenblik
liet allerheiligste en allergoddelijkste Sa-
crament.
lieer Jezus Christus, waarachtig God en
Mensch , ik geloof, dal Gij hier onder de
gedaante van brood waarlijk tegenwoordig
zijl . met ziel en lichaam . en ik aanbid l
nederig als mijnen Heer en mijnen God.
O, mocht ik 1* aanschouwen . beminnen .
loven en verheerlijken , gelijk zoovele dui-
zenden Engelen I\' met de grootste vreugde
aanschouwen . beminnen en loven in den
Hemel ! Hoeveel toch ben ik 0 hiervoor
verschuldigd . dat Gij ter liefde van mij
uit den Hemel gedaald zijt, dat Gij U op
het kruis voor mij hebt opgeofferd en nog
tr>
-ocr page 355-
--------------------^m
r.EBr.DF.X ONDER I1ET I.OF.                 3-48
voortdurend in dit II. Sacrament voor mij
tegenwoordig blijft tot eeuwig aandenken
uwer liefde! Wat zon ik ondankbaar en
ongelukkig zijn . nis ik deze liefde niet
met wederliefde vergold !
Eereboete aan Jezus Christtu* in
het IT. Snoramont
ü Jezus, mijn God en Zaligmaker, ik
aanbid V niet den diensten eerbied . dien
het geloof mij ingeeft . en ik bemin U uit
geheel mijn hart. I". die in het hoog-
waardig Sacrament des Altaars verborgen
zijt. Ik verlang vurig al de oneerbiedig-
heden. onteeringen en heiligschennissen te
herstellen, waaraan ik mij ooit mocht hel>-
l)en schuldig gemaakt.
Jk aanbid l" dan, mijn (iod. wel niet
zooals (iij het verdient en ik het doen
moest . maai\' dan toch zooveel ik in mijne
zwakheid kan. 0, hoe gaarne zou ik 1"
aanbidden met al de volmaaktheid . waar-
toe alle redelijke schepselen te zanten in
staat zijn !
Ik heb de meening van U nu en altijd
te aanbidden , niet alleen voor die katho-
lieken, welke l" hunne aanbidding en liefde
weisreren, maar ook voor al de ketters.
tüeya
-ocr page 356-
ffiT-«-----------------------------------^
^^ •>i\'l                                          (iKIIKIIF.S
schcimnakcrs en ongcloovigen. Mochten
zij zich locli hckeeren . mochten ook zij V.
;i;iiilii(li!(\'ii ! Ach. j:i . mijn .le/.lis . weeg
door alle inenschcn elk oogenldik :iilnI>i\'-
ilen . bemind cm bedankt in hel heilig en
goddelijk Sacrament des Altaars. Amen.
Oeberï tot Jeasu*\' H. Hart.
ii (ioddrlijk Hart, zie genadig v:111 uw
heilig altaar op mij. ellendigen zondaar,
neder. Mei een bedroefd hart . maar met
groot vertrouwen Irid ik l. vergeef mij
mijne zonden: zij zijn mij van harte leed.
ik haat en verfoei ze uit liefde tot I en
wil ze nooit meer bedrijven. Maak mij.
naar, uw voorbeeld. zachtmoedig en oot-
llioedig van harte, gehoorzaam , kniseli .
getrouw aan mijne plichten, geduldig in
lijden en in alle» onderworpen aan uwen
heiligen wil. Geef mij de volharding in
uwc liefde tol het einde mijns levens toe.
Betrouwende op de goedheid uws Harten,
o mijn Zaligmaker, bid ik I\' ook voor
allen, voor wie ik verplicht ben teliidden.
Zegen onzen Heiligen Vader, den Paus,
de bisschoppen en priesters: vervul hen
met penen vnrigen ijver voor uwe eer en
voor de zaligheid der zielen. Jk bid l\' in
het bijzonder voor mijnen zielhestuiirder en
c<?UJ
öUo-
-ocr page 357-
m
ÏP-
ONDKII HET UI F.
midi- 1 ii\'ii. die mij in den godsdienst onder-
«\'ijzen of onderwezen hebben. Gelief lien
daarvoor te beloonen . en hunnen arbeid
ie zegenen . opdat zij ons en vele anderen
lol de eeuwige zaligheid mogen brengen.
Ik beveel U, o minnelijk Hart, mijneou-
ilers. aan wie il> zooveel verschuldigd hen.
Geef hun al wat zij voor ziel en lichaam
noodig hebben voor dit en hel eeuwige le-
ven. Dit vraag ik l* ook voor mijne broe-
ders, zusters en andere bloedverwanten.
Ik bid 1" ook voor mijne vijanden . in-
dien ik er heb : voor allen die mij ooii
heleedigd hebben . en voor hen aan wie
ik ergernis heb gegeven; ik bid I voor
allen die voor mij bidden.
Ach. Heer! mochten toch alle zondaren
zich tot l* bekeeren ! Geef hun daartoe
uwc genade; ontferm l\' over hen.
En om niemand in mijn gebed Ie ver-
geten . beveel ik V ook alle zieken . die
l\' in het II. Sacrament niet kunnen he-
zocken. Geef hun sterkte, om hunne smtir-
len uil liefde tot 1* gednldig te lijden en
daardoor den hemel te verdienen. Ik bid
I\' voornamelijk voor hen, die in gevaar
zijn van sterven. Sta hen bij in dat ge-
wichtig oogenblik, opdat zij in uwc liefde
uit deze wereld scheiden.
>dm
ötfeï
-ocr page 358-
ffir-—         --------------\'—^H
) ^ 3.)i                               GKBEDEX
Eindelijk beveel ik U de zielen der over-
ledenen . die nog in het vagevuur zijn,
vooral de ziel van..... Vervul haar vurig
verlangen van zich mei U te gaan veree-
nigen in don Hemel.
Al deze genaden voor mij zelven en voor
anderen hoop ik van uwe goedheid te be-
komen. Amen.
ANTIPHÖNEN DER H. MAAGD.
bic gezongen worde» onder het Lof.
Van /af r/do ff cóór den eersten Zondaff van de»
Advent iot Kerstmis.
Alma Redemptoris Mater.
Verheven Moeder . uit wier schoot .
Ons aller Zaligmaker sproot.
Gij , Hemelpoort, die open staat .
Gij , Zeester, die ons niet verlaat.
Ureng \'t vallend volk. dat op wil staan,
Breng gij het uwen bijstand aan :
Die, waar natuur verbaasd op staart .
Uw heugen Schepper hebt gebaard.
"cxïUo
-ocr page 359-
gp*-
ONDER HET I.iif.
(Jij, Maagd, zoo voor als na dien stond.
Neem \'t „Ave" uit des Engels mond .
En zie , o Moeder van den Heer .
(Ontfermend op ons . zondaars, neer.
V-. De Kngel des Heeren heeft Manu
geboodschapt.
il. Rn zij heeft ontvangen van den If.
f i eest.
I.A.VT (INS BIDDEN.
Wij bidden l". Heer. stort uwe genade
in onze harten . opdat wij , die door de
boodschap des Kngcls de Mcnschwording
van Christus . uwen Zoon . gekend heb-
ben . door zijn lijden en kruis tot de
heerlijkheid der verrijzenis gebracht \\vor-
den. Door denzelt\'den Christus, onzen Heer.
Amen.
Va,/ krïstaroi/d Uit 0. L. V. Iji-rhtiiih, dezelj\'-
*lr Anlipkoon , i,iaiit- t\'rrs en-Qebcd nis volgt :
>\'. Xa het baren zijt (Jij onbevlekte
Maagd gebleven.
^. Moeder Gods, bid voor ons.
I..YAT ONS BIDDEN.
0 (iod , die door de vracht bare maag-
de lijk heid der H. Maria de gaven der
eeuwige zaligheid aan het nienschelijk gt
2,1
cxïtfcj
-ocr page 360-
:;:, i
slacht verleend hebt. laai ons. bidden
«ij I . de voorspraak van haar gevoelen,
door wie wij verdiend hebben . de brem
iles levens. Onzen lieer Jezus Christus,
uwen Zoon . ie ontvangen. Amen.
I,i,i U. /.. /\'. LirlUmit, lot Woentilag <,> </«
Goeie Weet.
Ave Jteginu (\'oelorum.
Gegroet, o Hemelkoningin,
Gegroet, der Engelen Vorstin:
Heil V . o Spruit . o Zaalge School .
Waaruit der wereld \'t Licht ontsproot.
"Wees. glorierijke Maagd . verblijd .
Die onder alle \'t schoonste zijl ;
(iegroet . o Gij, /.oo vol van eer,
Kn bid voor ons bij God den Heer.
v. Gedoog, dat ik 1* love. II. Maagd.
([. Geef mij sterkte legen uwe vijanden.
LAAT OXS lilllDEN.
Barmhartige God, wil onze zwakheid
ondersteunen, opdat wij, die de gedach-
lenis der II. Moeder Gods vieren , door
den bijstand van bare voorspraak uit onze
zonden mogen opstaan. Door deneelfden
Christus, onzen Heer. Amen.
dl
-ocr page 361-
:• n111:k het i.\'H\'.                       :!55 V
Ion l\'inisilt-Xnfi;-iliii/ tul Zotenlag nu Vial-xtereu.
Begina Coeli.
Verblijd V. \'s Hemels Koningin! Alleluja.
Want dien gij droegt vol moedermin ,
Alleluja.
Stond naar zijn noord, weer op uit\'t graf!
Alleluja.
Bid God genade voor ons af. Alleluja.
V\'. De Heer verrees: o wees verblijd,
Alleluja.
ft. Maria, die zijn Moeder sijt! Allel.
LAAT ons BIDDBK.
o God . die U gewaardigd hein . door
de verrijzenis vim uwen Zoon, onzen Heer
Jezus Christus, de wereld (e verblijden:
verleen. Bineeken wij l". dut wij door zijne
Moeder, de Maagd .Maria, de vreugde
van liet eeuwige leven mogen verkrijgen.
Door denzelfden Christus, onzen Heer.
Amen.
I h,i Xattrdag eéót II. DfieonUigheidt-Zumdag
lul Xalerdag eóóf den Advent.
Salvo T?e?gum.
Wees gegroet . o Koninginne .
Moeder van Barmhartigheid.
Wees gegroet . gij die ons leven .
Zoetigheid en hope zijt.
-ocr page 362-
m
S^Q
356
Tol I roepen wij al klagend:
Wij. \'i verbannen Evakroogt.
Smecken . uit dit dal van tranen .
Zuchtend . «reenend . I <>in troost.
O welaan dan. Midd\'laressc,
Sla nw oog op onzen nood :
En toon ons na \'i ballingslcveu
Jezus . vrneht van uwpii selioot.
Moeder, zoo vol medcdoogen,
Wie uien nooit vergeefs iets vraagt .
Moeder, schat van heilgenaden .
ii Maria . zoete Maagd !
\'t. Ifid voor ons. II. Moeder (rods.
&j. Opdat «ij iraardig worden de be-
lot\'ten van Christus.
Almachtige, eeuwige (>od , die door de
medewerking van den EL Geest, het lichaam
en de ziel der roemwaardige Maagd en
Moeder Gods Maria , tot enne waardige
woonplaats van uwen Zoon bereid hebt ,
geef, dat wij, die ons in hare gedachtenis
verblijden, door hare gouadige voorspraak
van alle aanstaande kwaad en van den
eeuwigen dood bevrijd worden. Door
derizelfden Christus, onzen Heer. Amen.
-AJó
-ocr page 363-
ONI1KI! IIKT l.or.                           3r>i
V! :tixnific;tt.
Mijne ziel vcrliefl den Heer:
Kn mijn geest juicht in God, mijn Zalig-
maker\'.
Omdat Hij nederzag op de geringheid
van zijne dienstmaagd : wam . zie . van nn
at\'zullen alle geslachten ulij zalig noemen.
Dewijl Hij groote dingen aan mij gedaan
heeft, de Machtige, en Heilig is zijn naam;
Kn zijne barmhartigheid is van geslachte
tot geslachte voor degenen, die Hem vreezen.
Kracht heeft Hij geoefend door zijn arm:
hoogmoedigen in de gedachten huns harten
heeft Hij verstrooid :
Machtigen heeft Hij afgezet van den
troon , en geringen heeft Hij verheven ;
„Nooddruftigen heeft, Hij met goederen
overladen . en rijken heef Hij ledig weg-
gezonden !
Hij is Jsraél , zijnen dienstknecht . te
hulp gekomen, en Hij is indachtig geweest
zijner barmhartigheid .
(lelijk Hij gesproken had tot onze vade-
ren , met Abraham en zijn zaad in eeuwig*
heid.
Glorie zij den Vader en den Zoon . eu
den H. (ieest.
Gelijk hel was in het begin . en nu . eu
altijd, en in de eeuwen der eeuw en. Amen.
fctfe^                                                                       <^xxó
-ocr page 364-
eXSTYq
358
GEBEDEN ONDEK II KT LOF.
Tantum Ergo.
Knielen «ij voor \'t glorierijke
Sacrament vol eerbied neer.
De oude Godsvereering trijke
Voor den «Heust der nieuwe Loer.
En hoe \'i zintuig ook bezwijke
Ons geloof ;;i\'oei\' meer on meer.
Aan den Vader, hooggeprezen,
Aan zijn Bengeboren Zoon
Macht en zeegning uitgelezen .
Glorie, heil en eerbetoon!
Voor den Geest, van \'I zelfde Wezen.
Kijze een loflied even schoon! Amen.
cxjJJJ
-ocr page 365-
TOT HET
ALLERHEILIGSTE HART VAN JEZUS.
••"j»;<c""-
Xiitanie van het II. Hart van Jpzus.
Heer, ontferm V onzer.
Christus , ontferm 1* onzer.
Heer. ontferm C onzer.
Christus, hoor ons.
(.\'h rist us . verhoor ons.
God liciiiclschf Vader, ontferm U onzer.
God Zoon , Verlosser der wereld, ontterm
U onzer.
God H. Geest . ontterm L" onzer.
H. Drievuldigheid, één God, ontferm U
orïzer.
Hart van Jezus, Zoon van den eeuwigen
Vader, ontferm II onzer.
Hart van Jezus, Zoon van de Maagd
Maria , ontferm 1\' onzer.
-ocr page 366-
\'ft
36(1
\\ KHSI IIU.I.KNDK I.KI\'.KIH N.
Hait van Jezus, eigene en «aardige woon*
plaats van den H. Geest . ontferm I"
onzer.
Hart van .Jezus, schatkamer van «Ie
allerheiligste Drievuldigheid.
Hart van Jezus, glorie en vreugd <\\ff
Engelen.
Hart van Jezus, oneindig in Majesteit,
dart van Jezus, voorwerp van alle
liefde .
Allerootmoedigst Hart van Jezus.
Allerzuiverst Hart van Jezus.
                   £
Allenninnelijksl Marl van Jezus,             &
Hart van Jezus, vol van stegen en ge- |3
naden .                                                          ___
Hart van Jezus, «elltist van hemel en
aarde .                                                          -
Hart van Jezus, licht van geheel de ^
aarde .
Hart van Jezus, onver» innelijke sterkte
tegen onze vijanden .
Hart van Jezus, bron van alle recht»
vaardigheid .
Hart van Jezus, oorsprong van alle
goedheid en barmhartigheid .
Hart van Jezus, vol medelijden en
leederbeid .
Hart van Jezus, woonstede aller deug-
len,
bUsrj
-X3J3
-ocr page 367-
0
pfïXo
rX5r
c
3
vkiisi\'iiii.i.kniik iii:iiKrn;\\.
101 l
1
Hart van Jezus, allen lof en eer «;
dijt, ontferm l onzer.
Hart van Jezus, uien alle aanbidding
toekomt .
Hart van .lezu.i. onpeilbare afgrond
van alle hemelsein: gaven.
Marl van Jezus, zaligheid dergeneu
die in U liopen .
Hart van Jezus, fontein der springende
wateren tot het eeuwig leven ,
Hart van Jezus, verzoening onzer zon-
ar-
den .
Hart van Jezus, troost van alle be-
|
drukte harten .
§
Mart van Jezus, hoop dergenen die in
U sterven .
—
11 n 1*1 van Jezus . ons leven eu verrij-
§
zeuis ,
Hart van Jezus, toevlucht der zondaren,
Hart van Jezus, niet bitterheid voor
ons vervuld .
Hart van Jezus . niet versinaadbedeii
voor ons verzaad .
Hart vau Jezus, om onze boosheden
doorwond .
Hart van Jezus, om onze zaligheid ge-
storven aan het kruis.
Hart van Jezus, niet eene lans door.
i
r
stoken .
f
__t
p
3
O
Jc,o
^öü
c
-ocr page 368-
m
302
XKIiSI IIII.I.KNDi: liKIIKDKX.
Hart van Jezus, levende, heilige en God
behagende offerande, ontferm l onzer.
Hart van Jezus, altaar op welk al <le
Heiligen opgeofferd worden, ontferm U
onzer.
Lam Gods, «lat wegneemt de zonden der
wereld . spaar ons . Jezus.
I,am Gods, dat wegneemt de zonden der
wereld . verhoor ons . Jezus.
Lam Gods, dat1 wegneemt de zonden der
wereld, ontferm U onzer. Jezus.
y. 0 Koning der glorie, gij zult nooit
versmaden
i^. Ren boetvaardig en vernederd liart.
GKBED.\'
O aanbiddelijk llari van mijnen Jezus!
gloeiende brandoven der goddelijke liefde,
ontvang, bid ik l\'. mijne ziel in uwe
allerheiligste wonde . opdat ik in deze
school van liefde moge leeren beantwoor-
den aan de liefde van l*. mijn God, die
mij zooveel wonderbare bewijzen van uwe
liefde geseven hebt. Amen.
ëxütJQ
6 ds^
-ocr page 369-
Sp-
VERS( HI1.I.ENDE GEURDEN.                 :i(i:t
Gebeden.
Het H\'oOfll i* r/er.seli 1/eirOl\'deil e„ II, I heeft
onder on» gewoond.
Eeuwig Woord . uit liefde voor ons
inenseli geworden, nederig aan uwe voeten
nedergeworpen, aanbidden wij l" niet den
diepeten eerbied onzer zied . en om onze
ondankbaarheid jegens eene zoo groote
weldaad te herstellen . vereenigen «ij ons
met het hart van allen . die L\' beminnen .
en ofiëren wij I\' onzen nederigsten en
leedersten dank. Getroffen door die over-
niaat van ootmoed, goedheid en teeder-
heid, die wij in uw goddelijk llarl erken-
nen, smeeken wij uwe genade at\', om deze
U zoo dierbare deugden te mogen navolgen.
<),/,:e Inder. Jfree* fffffi\'ofit en Glorie, enz.
Hij i» ook ruor on* ffekruinl. heeft geleden
iiiiih\',- l\'nehi\'s l\'ilri/ii.i -,i in heijrili\'-ii.
Jezus, onze beminnelijke Verlosser, ne-
derig aan uwe voeten neergeworpen . aan-
bidden wij l\' met den diepsten eerbied
onzer ziel ; en om l\' een oprecht blijk te
Keven van de smart, die w ij gevoelen over
onze ongevoeligheid voor alle versmadin-
gen en smarten, die uw liefdevol Hart I\'
voor onze zaligheid deed verduren in uw
xalio
-ocr page 370-
_Ê^S°
:ttil                \\Kii>( mi.i.Kxm: kkiikdkx.
p
smartelijk Lijden en in uwen Dood. vereeni*
gen wij ons mei liet hart van allen, die TT
beminnen . om l" nil scheel onze ziel
dank te brengen. Wij bewonderen de ein-
delooze lijdzaamheid en edelmoedigheid
van uw goddelijk Har( , en wij smeeken
IJ . het onze te vervullen met den geest
van christelijke versterving, waardoor wij
het lijden met moed omhelzen en onzen
grootsten troost en al onze glorie stellen
in nu Kruis.
Onze J\'it\'lrr, //«",« gegroet, <!farie :ij de»
lrnil\',-
. enz.
Gij licl/l lii\'n re,/ Ii.-\'iwl uil de,i keutel </t\'(f-
-rr,t
. \'lal ii/h\' verkwikking \'m :ieh humt.
Jezus, vol oneindige Helde tot ons . ne-
derig aan uwe voeten neergeworpen , aan-
bidden wij V met den diepsten eerbied
onzer ziel. en om l" eenigszins schadeloos
te stellen voor de versimtdingen . clie uw
goddelijk Hart dagelijks ontvangt in het
allerb. Altaarsacrament , vereenigen vrq
ons niet het hart van allen, die V bemin-
nen en l* den hartelijksten dank brengen.
Wij beminnen in uw goddelijk Hart dat
onbegrijpelijk liet\'devnur jegens uwen he-
niclschen Vader . en sineeken I*, onze
bUfri                                                                       c>p.U.ö
-ocr page 371-
-----------------------------------^93
XKKsC lllI.I.KXDi: GEBEDEN,                    363
harten te ontsteken van eene brandende
liefde jegens lr on onze naasten.
Ou:" Iuil•)•. Wee» gegroet, lilorie zij tl?>i
Kader,
enss.
Ten slotte , <> allerbeminnelijkste Jezus,
smeeken wij I\' . hij de teedcrheid van uw
goddelijk Hart, de zondaren te willen he-
keeren . de bedroefden te vertroosten . de
stervenden hij te staan . en latenis te
schenken aan de geloovige zielen in het
Vagevuur. Verbind onze harten met den
band van waren vrede en liefde. behoed
ons voor een ouvoorzienen dood . en neet\'
dat wij heilig en in vrede sterven. Amen.
V. Hart van Jezus, brandend van liet-
de tot ons.
Bj. Ontvlam mis hart van liefde tol l".
HAT o.NS BIDDEN.
Geef. bidden wij 1". Almachtige God .
dat wij, die in het allerheiligste Jlart vau
uwen geliefden Zoon onzen roem stellen ,
en de voornaamste weldaden zijner liefde
jegens ons herdenken. ons over liet be-
wijzeu dier weldaden en over hare vrucb-
ten mogen verblijden. Door denzelfden
Christus, onzen lieer. Amen.
bXis^                                                    -xïUo
-ocr page 372-
m
-"i<»<»                     V|.lts< IIM.I.I.NIIK GEBEDEK.
O goddelijk Hart van Jezus! ik aanbid
l ïni\'i alle krachten mijner ziel : ik wijd
ze l\' voor immer Ine. Iegelijk met mijne
gedachten, woorden en werken en niet
geheel mij zelven. Ik neem mij voor. 1"
akten van aanbidding, van liefde en ver-
heerlijking te brengen. voor zoover het
mogelijk is. gelijk aan die. welke Gij
lirengl aan uwen liemelselien Vader. Weea,
smeek ik l\'. de hersteller mijner mis-
slagen . de beschermer van mijn leven .
mijn toevluchtsoord en schuilplaats in het
uur van mijnen dood. Verleen mij . door
de «achten en bitterhedeu. waarin (iij .
gedurende geheel den loop van uw sterfe-
lijk leven om mijnentwil gedompeld waart,
een waar berouw over mijne zonden . de
verachting der wereldsehe zaken . eene
vurige begeerte naar de eeuwige glorie .
het vertrouwen op uwe oneindige verdien-
sien . de eindvolharding in uwe genade.
O Hart van Jezus, geheel lietde, ik
draag U deze nederige gebeden op voor
mij zelven , en voor allen . die zich in den
geest met mij vereenigen om 0 te aan-
bidden : gewaardig lT wegens UWC einde-
In.izr goedheid ze ie aanvaarden en te
verhooren. vooral voor dengene onder ons.
die het eerst dit sterfelijk leven zal atleg-
ötfeS\'
-ocr page 373-
VKIISI IIIM.KNDK GEUEDEX.                  :!Ö?
geu. Allerzoetst Hart van mijn Zaligmaker,
stort over hem te mulden van zijnen dood-
slrijil inve inwendige vertroostingen uit,
neem hem op in uwe H. Wonde. rei-
nigfhem van elke smet in dat fornuis van
liefde) om hem zoo de glorie toe ie staan,
waar hij bij 1\' de voorspreker worde van
allen, die nog in dit oord van ballingschap
achterblijven.
Allerheiligst Hart van mijn beunnnelij-
ken Jezus, ik neem mij voor deze akten
van aanbidding en deze gebeden voor mij ,
ellendigen zondaar, en voor allen die in
de aanbidding van U vereenigd zijn , te
vernieuwen en U op te dragen gedurende
alle oogenblikken, dat ik adem haal tot op
het oogenblik van mijnen dood. Jk beveel
U aan , o mijn Jezus , de EL. Kerk , uwe
beminde Bruid en onze «are Moeder,
de rechtvaardige zielen, alle arme zoii-
daars. de bedroefden . de stervenden en
eindelijk alle mensehen: laat toch niet toe,
dat het voor hen vergoten Bloed hun
onvruchtbaar worde. Gewaardig l\'einde-
lijk ze toe te passen tot latenis der zielen
in het Vagevuur, in liet bijzonder van
die, welke tijdens haar leven de heilige
godsvrucht beoefenden vanL* te aanbidden.
Allerbeuiinnelijkst Hart van Maria, dat
tXiS/ï
-ocr page 374-
i
onder fit\' harten van alle schepselen lier
reinste zijl , het meest van liefde ontsto-
ken tot dat van Jezus . en tegelijkertijd
het meest medelijdend jegens ons. arme
l zondaren . verkrijg ons van het Hart van
Jezus, onzen Verlosser, de genaden, die
wij van U vragen. Moeder van Bnrinhartig-
heid, eene enkele verzuchting, eene enkele
beweging van uw brandend Hart naar dat
van Jezus , uwen goddelijken Zoon . kan
ons ten volle vertroosten. Sta ons dan
die genade loe, en het goddelijk Hart
van Jezus. door die kinderlijke liefde.
.welke Het 1\' toedroeg en U altijd zal
blijven toedragen . zal gewis niet nalaten
ons te verhooren. Amen.
Pure 1\'ius VII . hij Rescript vau IS Februari
1808. verleende:
Ken Ajtatxl e-a,i 300 (lagen eens per dag aalt
alle gcloovigen. die uivt rouwmoedig hart cu
met godsvrucht genoemde Gebeden bidden met
nog 3 maal Oaze Tader, Il/vu gegroet en Oforie
zij tien Vader,
Een rullen aflaat, eens iu de maand aan hen.
die ze op bovenvermelde wijze eene maand lang
hebben gebeden, op een dag naar verkiezing,
waarop men , na waarlijk rouwmoedig te hebben
gebiecht en gecommuniceerd, liidt vuor de be-
hoeften der 11. Kerk.
Pcze aflateu, de volle en gedeeltelijke, werden
door Z. II. 1\'uus Pius IX voor altijd bevestigd
bij de Audiëntie vun IK Juni 1870.
\'cxïLlo
-ocr page 375-
ft"^                        VEESCDII.r.EKDK GBBEDBK.               809\'\'3
k k a nsj k
ter oito van liet A_Uerh. Hart vnu
.Jezus.
J. Mijn liefdevolle Jezus, walmeer ik
mr Hart vol goedheid beschouw . en hel
vol liefde en reedei\'heid zie voor de zonda-
ren, voel ik liet mijne vervuld met. vreugde
en vertrouwen . van gunstig door l te
worden ontvangen. Ach ! hoevele zonden
heh ik bedreven ! Maar titans. op het
voorbeeld vim Petrus en van de boetvaar-
dige Magdalena, beween en verfoei ik ze.
omdat ik daardoor T*. mijn hoogste Goed,
beleedigd heb. Ja, schenk mij de vergif-
fenis ervan : en o. moge ik eer sterven .
ik smeek het [7 bij uw liefdevol Hart ,
dan l\' te beleedigen, en moge ik ten
minste eenig en alleen leven, om IJ weder-
liefdo te bewijzen.
Men bidt 1 Onze Vader en 5 Glorie zij
den Vader, ter erre van liet goddelijk Hart,
en zegge daarna :
Zoet Hart van mijn Jezus, maak dat ik
l* altijd beminne.
II. Ik aanbid , mijn Jezus, uw allerne-
derigst Hart , en bedank O , dat Gij Het
mij tot voorbeeld hebt gegeven, niet enkel
met de krachtigste aansporingen om het
-ocr page 376-
:)70
V Klist 1111,1,EKDK OKI\'.KIIKX.
na it\' volgen, maar ilal (tij mij ook ten
koste uwer zoo diepe vernederingen den
weg daartoe aanwijst en gemakkelijk maakt.
Dwaze en ondankbare die ik was! Ach,
hoever ben ik afgeweken! Vergeef mij.
(ieen hoogmoed meer; maar niet een ncde-
i-iii" liari wil ik V te midden van uwe
vernederingen volgen . en zoo
zaligheid vinden. Geef mij de k
toe. en ik zal in eeuwigheid
vrede t\'ii
iflu d aar-
uw Hart
zenenen.
1 Onze Vader. en "> Glori
zij iIch I ader.
Xnr/ IIart enz.
III. Ik bewonder, o mijn Jezus, uw
al lei-geduldigst Hart, en ik bedank l* voor
zooveel bewonderenswaardige voorbeelden
van onoverwinnelijk geduld . ons door V
nagelaten. Ik betreur het. dal zij zonder
vrucht tegen mij liet verwijt inbrengen
mijner dwaze lichtgeraaktheid . die den
geringsten last niet weet te verdragen.
Ach! mijn dierbare Jezus, stort in mijn
hart eene vurige en duurzame liefde tot
kwellingen . kruisen , versterving en boet-
\\ aardigheid . opdat ik , door TT te volgen
op den Calvarieberg, met TJ kome tot de
glorie en de vreugde des Hemels.
1 Onze Vader, en 5 Glorie :ij i/eii Vuiler.
Zoet Hart enz.
bJiJS/
-ocr page 377-
IF2"
V ll.-si II ll.l.I-.Nlil: GKIIF.DKN.
IV.     Hij bel beschouwen van uw nller-
zachl moedigst Hart . dierbare Jezus. bel)
ik een afschrik van hel mijne, zoo geheel
verschillend van hei awe. Al ie dikwijls
is een lichte schijn, een tecken. een tegen-
strijdig woord genoeg, <>m mij te verontrus-
teit en tot hittere klachten te brengen.
Ach ! vergeef mij mijne opvliegendheid .
en geef mij de genade . voor het vervolg
in eiken tegenspoed uwe onverstoorbare
zachtmoedigheid na ie vol-jen. en aldus
een voortdurcnden heiligen vrede te sma-
ken.
1 Onze Vilder, en 5 (itoi\'ie zij den l\'nder.
Zoet 11,1,-1 ,;,:.
V.     Dal men lof zinge. o Jezus, aan uw
allennoedigsl Hart. overwinnaar van dood
en hel. dal al onze lofprijzingen over-
waardig is. Meer dan ooit sia ik beschaamd,
wanneer ik de kleinmoedi^lieid van liet
mijne zie . dat . vol van mcnschelijk op-
zicht . voor hel minste woord bevreesd is.
.Maar dit zal anders worden. Ik smeek l\'
om zoo grooten moed en kracht. dat ik
hier op aarde met U strijde en overwinne.
en hierna vol vreugde met l\' zegeviere in
den Hemel.
1 Onze Vader, en ó (ïfatie zij ,1,;, linies.
Zoel Iftii\'f e*:.
txiió
-ocr page 378-
^m
VEKSCIIli.l.KXDE GEBEDEN.
Wenden wij ons tol Maria, wijden wij
on» steeds inniger aan Baar toe . en zeg-
gen wij vol vertrouwen op haar moederhart :
Hoor fle verhevene voorrechten van uw
allerzoetst Hart , o grootc Moeder Gods
en mijne Moeder . Maria, verkrijg mij eene
vurige en standvastige godsvrucht tot het
H. Hart van uwen Zoon Jezus . opdat ik,
met mijne gedachten en gevoelens daarin
opgesloten, alle mijne plichten vervulle ,
en altijd . niet opgeruimdheid des harten
maar bijssonder op dezen dag mijnen Jezus
diene.
i\'. Hart van Jezus, brandend van liefde
tot ons.
R. Ontvlam ons hart van liefde tot l \'.
la.\\T oxs iiidiikn.
Wij bidden ü, o God. dal de E. Geest
ons ontvlamme door het vuur, hetwelk
onze Heer Jezus Christus uit het binnenste
zijns Harten over de aarde heeft uitgezon-
den, en dat Hij krachtig ontstoken wenseht
te zien. Die met ü leeft en heerscht in
de eenheid van denzelfden II. Geest, God
door alle eeuwen der eeuwen. Amen.
-?5ro
-ocr page 379-
p
37 :J
VKlisf 11(1 LEKKE KEUEDEX.
GEBED.
O goedertierens te Jezus, (tij alleen zijl
onze zaligheid, ons leven en onze verrij-
zcnis. Wij Bineeken l* dan . verlaat ons
niet in onze benauwdheden en kwellingen,
maar door den doodstrijd van nw aller-
heiligsl Mart . door de smarten uwer on-
bevlekte Moeder, kom nwc dienaren te
hnl]i. die gij door n« kostbaar bloed
hebt vrijgekocht.
lüj Decreet, van »le H. Congregatie der Allaten
van 0 October IS70 verleent Zijne Heiligheid
1\'ins IX :
/.\'•./ Ajlnol rau 100 dagen eenmaal per dag
te verdienen door alle goloovigeu , «lic ten miu-
ste met een rouwmoedig hart eu godvruchtig
voornoemd gebed verrichten.
                           ,
GeV>«\'«l van toewijding :t:ui het
Heilig Hart van Jf-v.ii*.
Alleraaiibiddcnsuaardigsl Hart van mijn
lict\'dcvijksten Jezus . zetel aller deugden .
onuitputtelijke bron aller genaden . wal
was er-in mij. dat I* bewegen kon. om
uit overgroot* liefde lot mij te sterven i
Mijn hart. met duizenden zonden bevlekt,
heeft voor V niets dan koudheid en onver-
scliilligheid. O .lezus. deze ondubbelzinnig?
btfe^-
•mUJ
-ocr page 380-
Ü7
\\ U.M IIM.I.KXIIK (,KIIi:llK.N.
bewijzen uwer liefde op een tijd. dal ik
I\' iiici beminde, doen mij Lopen, dat Gij
dr Kleine bewijzen mijner liefde, welke ik
I" ihans aanbied . niet /.uil versmaden.
Neem derlialve. o liefdevolle Verlosser,
hel verlangen mijner ziel . «uu mij geheel
aan de eer en verheerlijking van uw aller*
heiligs) Marl toe Ie wijden . genadig aan.
Neem goedgunstig liet offer aan. dat ik l
mei alles, wal ik heb en ben. opdraag.
Aanvaard geheel mijnwezen, mijn leven,
mijne handelingen, mijne moeilijkheden en
al mijn lijden ! _Xiets anders wil ik in
\'l vervolg zijn . dan een aan uwc glorie
toegewijd brandoffer. <> zend vuur van
den hemel, en ontsteek hel nu, opdat het
eindelijk door de vlammen van uw Hall
geheel verleerd worde! [T< o mijn Heer
en mijn God, offer ik mijn hart met al
zijne bewegingen en gevoelens; gedurende
geheel mijn leven zullen ze met uw aller*
heiligst Hart gelijkvormig blijven. I* alzoo.
o Neer. behoor ik geheel, geheel aan uw
allerheiligst Hart.
Hoe groot is uwe barmhartigheid jegens
mij! Oneindige majesteit van God. wal
hen ik. dat (iij l" verwaardigt, het offer
mijns harten goedgunstig aan te nemen P
Van nu at\' zal dit hart l\' geheel toe-
XiLlo
ötfe?
-ocr page 381-
IÊP-
\\ i:i:m llll.l.t.NDE
hehooren , en de schepselen zullen er geen
deel aan hebben : zij zijn dit niet waardig.
Wees <>ij. o liefste Jezus, mijn Vader,
mijn. Vriend, mijn Leeraar, mijn al! Slechts
voor 1\' «ril ik leren! O liefdevolle Ver-
losser der menschen . neem liet. ofier genn-
dig uan . dat tic ondatikbaanite \\iin alle
menscheii uw allerheiligst Hart opdraagt .
om het onrecht te herstellen . dat lui l»l
op dit uur door koudheid en onvetwhil-
ligheid llttzelve beeft aangedaan.
Wat ik geef. is voorzeker weinig : maar
\'t is alles, wat ik heli. en ;il hetgeen u«
Hart. o Jezu». verlangt en begeert. Rn
dan, o lieer, geef ik l\' mijn hart voor
•eeuwig, en ik wil liet nimmermeer terug-
nemen.
Leef mij alzoo. liefdevolle Heiland, dat
ik mij zelven geheel vergete, wijl dit de
eonigste weg tot uw allerzoetst Hart i>.
J)aar ik in \'t vervols;, van nu af. alles
.slechts voor I\' doen wil, zoo neef dan ook.
o Jezus, dat al mijn doen Uwer waardig
zij! Onderricht mij, opdat ik lot eene
volkomene zuiverheid uwer liefde gerake.
Doch schenk mij vooral deze uwe liefde .
en wel recht gloeiend en grootmoedig!
Schenk mij die diepe ootmoedigheid . zoii-
•der welke uien aan l\' niet behagen kan !
"SxjÖö
-ocr page 382-
-----------------------------r-m
Slti                  VKHM\'IMI.I.KMiK GEIIBDEX.
Vervul eindelijk uw heiligen «il volkomen
iiiin mij . zoowel hier in dit leven . al»
daar boven in de eeuwigheid.
Vemieviwiiis tier Geloften voor
Religieuzen,
Mijn goddelijke Verlosser, mol de meest
mogelijke innigheid en liefde wijd ik mij
toe en offer ik mij op aan uw allerheiligst
Hart\'. Krachtens mijne geloften ben ik
reeds, wel is waar. aan uw kruis genageld,
maar desniettemin wil ik ze wederom voor
Hemel en aarde vernieuwen, ten einde uw
Hart dank ie zeggen voor de overgroot*
genade, dal (4ij mij tol een zoo heiligen
staat geroepen hel>t. Tol uwe eer beken
ik openlijk. dat uw juk geenszins hard
ot\' drukkend is, dat de banden . waar-
door (iij mij met l\' vereenigdet. mijn geluk
uitmaken . en dat ik slechts dit ééne ver-
lang, ze immer vaster om mij toe te halen.
Derhalve druk ik bet kruis . dat Gij
mij mei mijn\' heiligen roep hebt opgelegd.
met teedore liefde en vreugde aan mijn
hart: want bet is al mijne blijdschap,
mijn roem en mijn vreugde tot in den dood.
O God, help mij, dat ik mij nimmer ergens
anders oji beroeme . dan op het krnis van
-ocr page 383-
EBP-----------------------------r&
lUIMIIIM.IMii; OEBKDBX.                  S77
Jezus . mijn\' goddelijken Bruidegom, door
wion de wereld aan mij en ik der wereld
gekruisigd ben ! Mijn rijkdom zij de heilige
armoede! Mijn troosl het lijden van Jezus!
Mijne liefde zijn allerheilig?! Har! !
Neen , beminnelijke Verlosser . niets ver-
mag inij van lr ie scheiden . niets is in
staat mij tot zich te lokken . tenzij (Jij
alléén. Rustig en onbevreesd bewandel
ik liet pad der volmaaktheid . dewijl Gij
mijne schreden leidt en mijne zwakheid
ondersteunt. Ik hoop op 1\'. o Jezus, dat
(iij uwe besehermende hand. welke mij
reeds met zoovele genaden gezegend heeft.
over mij zult uitstrekken . en mij de da-"
gelijksche hulp . welke ik zoozeer behoef,
niet zult onttrekken . opdat ik aan alle
bekoringen krachtig wederstaau, en al mijne
vijanden verwinnen moge. Om deze hulp.
i> ontfermiiigrijke Heer en Heiland . bid
en smeek ik 1\' bij uw bloed , bij al uwe
Wonden . bij uw allerheiligst Hart ! Laat
mij een levend bewijs van de macht uwer
liefde jegens al nwe vijanden zijn ! Amen.
1
faUs\'J
-ocr page 384-
®
2____________________________________________&Si
S78                  YKMSrllll.l.KNDK GEBKDKX.
Alcte van Eeroljoot©
luin het Allcrli. tlnrt van Jezus.
O aanbiddelijk Hart van mijnen God
on Zaligmaker . doordrongen van eene dic-
pe droefheid . bij lid zien van de oneer
en den smaad, die l" in hel Allerheiligste
Sacrament uwer liefde zijn aangedaan en
waarvan (<ij nog dagelijks het voorwerp
y.ijt\'. werpen wij ons voor I" neder, om l"
daarvoor eene perherstelling aan te bieden.
Ach ! waarom kunnen wij , door deze on-
ze hulde van eerbied en lietdc . uwe be-
leedigde eer niet herstellen ! Gedenk toch,
o Jezus, uwe barmhartigheden, en ver-
leen ons de vergiftenis . die wij l\' vragen
voor zoovele ongeloovigen en goddeloozen.
voor zoovele ketters, voor zoovele lufhur-
tige christenen . die l" ontreren, inzonder-
heid voor ons zelven . die ü zoo dikwijls
beleedigd hebben. Vergeet onze oudauk-
baarheid en wees gedachtig, dat uw God-
delijk Hart. onze zonden te voren afboeten-
de. daarvoor tot den dood toe bedroefd,
ja zelfs na uwen dood niet een lans door-
stoken is geweest. Laat niet toe . dat uwe
smarten en UW bloed vruchteloos voor ons
zouden zijn. Schep in ons een nieuw en
zuiver hart : geef ons een hart volgens liet
olisra                                                                               cxsJJLö
-ocr page 385-
ffir2"
«7«J
i;ndi; gkiikdks.
uwc: een nederig en rouwmoedig hart;
een nart vol afschuw voor de sonde . ver-
vnlrl met kinderlijken eerbied en ontstoken
door het heilige vuur uwer liefde. Wij
van onzen kant beloven l\'. o Jezus, dat wij
ons voortaan willen bevlijtigen . om door
onze zedigheid en eerbied in nwe tegen-
«oordigheid . door onzen ijver en vurig-
heid om l\' in uw II. Sacrament Ie komen
aanbidden en ontvangen , zooveel liet ons
mogelijk is. de oiieerbiedigheden , de ont-
eeringen en heiligschennissen te herstellen.
die wij in de bitterheid onzer harten be-
treuren. Zegen . o Jezus, deze onze voor-
nemens, opdat wij daaraan tot liet uur van
onzen dood getrouw blijven . tot meerde-
re eer en verheerlijking van uu Goddelijk
Hart, dat in het Allerheiligste Sacrament
des Altaars van lietde tot ons brandt.
Geloofd, aangebeden en gedankt
:ij Ie alle» tijde Jezus Christus iti het
Allerheiligst* Sacrament. - Amen.
-ocr page 386-
m
\\ IIIM IIII.I.KSDK r.EKEUEX.
Gebed, dat tl«" RT. Gnrlnidis gewoon
W*ih dugel4ik*f te verrichten , ter
eere van JeüOn\' H. Hart.
Ik groet l". o allerheiligst Hart van
.It\'/.ns. FTnri van mijn Verlosser. levende
en onuitputtelijke bron der vreugde en
drs eeuwigen levens, oneindige schatkamer
iler Godheid . brandend fornuis der god-
delijke lietde! (Jij zijt mijne toevlucht,
mijne rustplaats, mijn al! Hart vol van
lietde. ontvlam mijn hart ran den heiligen
gloed, die V verteert! Stort al die genaden
in mijn liarl . welke in l . als in hare
bron. ontspringen ! Laat mijne ziel besten-
dig met de uwe vereenigd . en mijn wil in
alles aan den uwen gelijkvormig zijn. Dit
ééne slechts verlang ik : dal uw heilige wil
het eenige riclitsnoer en liet eenige doel
van al mijne gedachten . van al mijne
wensehen . van al mijne handelingen zij !
En dit hoop ik vastelijk van V. Amen.
Drie gebeden , weitee <le Heer aan
«Ie 11. Gertrudl», alx Hem bij-
scondet* welgevallig, leerde.
I. DANKKKlitilXti.
Liefdevol Hart van miju Jezus, mochten
alle Engelen en inenschen V loven . 0
tanken en V prijzen voor de liefde. waa
-ocr page 387-
VKUSriin.l.KMM: ÜKHEDICX.                 \'M[l~w0
mede (iij i>ns. in weerwil onzer on\\vaar-
digheid, geschapen hebt en dagelijks onder-
houdt : voor <lt\' liefde . waarmee (iij ons
met uu kostbaar Bloed hebt vrijgekocht .
.met uw goddelijk Vleesch en Bloed in \'t
heilig Sacrament voedt, en tevens besten-
dig onder ons verblijft : voor de liefde .
waarmee (iij ons zooveel genade hebt ge-
schonken , en nog immer bereid zijt te
schenken: voor die liefde eindelijk, waar-
mee (iij ons. in weerwil onzer ondank-
baarheid , lankmoedig verdraagt. Ja, mijn
Verlosser, voor al die liefde dank ik l\' .
en draag l\' de goddelijke gevoelens uws
Harten, alsmede de heerlijkheid op, waar-
in (jij l door alle eenwen der eeuwen
verheugt.
II. VEltFOKIIHC l)KI( ZONDEN.
Hart van miju Jezus, hetwelk dagelijks
voor al uwe liefde. van ons zooveel on-
daukbaarbeid ondervinden en dulden moet.
ik verfoei en verwerp bier in uwe tegen-
woordigheid alle ondankbaarheid der men-
Hchen, doch geheel bijzonder die, waaraan
ik mij zelf schuldig heb gemaakt. Vol
schrik wend ik mijne oogen af van al de
oneerbiedigheden en beleedigingen . welke
ü door de menschen en door mij werden
-ocr page 388-
rrös
vküsi\'iiii.i.r.Mir. GF.nr.nEN.
aangedaan. Ik verfoei (Ir duizenden hin-
dcrnissen. welke «ij rampzalige si \'hepselen,
uwer genade in den weg stelden, waardoor
wij uwe hand levens sinten, en de genaden.
welke (tij uitdeelen wildel . ons zelven
onttrokken. Ach, ontferm 1 onzer! Be-
\\ rijd ons van onze ondankbaarheid . «• u
trek onze harten tot 1\'.
III
Mart van Jezus, rijk in ontferming\'. Stort
uw e barmhartigheden ruimschoots over ons
uit . en taal ze bewerken . dat een ieder
van ons in zijne armzaligheid aan uwc
goedheid en genaden beantwoorde. Want
wat baat ons al uwe goedheid en liefde.
wanneer wij er ons niet van bedienen, zoo
als het in het plan uwer goddelijke Voor-
zienigheid ligt!\' Voltrek derhalve, wat
(•ij door uwe liefde en ontferming tol ons
heil en ter uwer verheerlijking begonnen
hebt. Amen.
Zeg iia,i liet xlof run het bezoek foor \'f AUer-
heiligite „iet de II. (tertntdi* :
O Jezus, mijn hart verblijft aan uwe
voeten ! Uwc liefderijke zorgvuldigheid
zal het als in eene gevangenis vol vreugde
opsluiten : de beminnenswaardigheid uws
Slilp
CX2.
-ocr page 389-
SP2----------------------------^§
VKBSCIIII.I.KM1K CEItKnKK.                  !W3
Harten zij <lt\' zoele keten, welke liet aan
lit\'l l\'wc onafscheidelijk zal vastbinden.
Noch de wereld . noch de hel zal mij van
uwe voeten scheiden ; dit hoop ik van uwe
genade. De macht uwer zoete liefde zal
het vasthechten, opdat hel zich in eeuwig-
heid nimmer van I" zou kunnen rerwij-
dcren. Amen.
Grobed uit ilo Geschi\'iften van
3?ator !><• la (\'olomliicre.
O aanbiddenswaardigat en allerzoetst
Hart van mijn zeer liefdevollen Jezus.
Hart, bestendig van liefde tot de menschen
ontvlamd, immer geopend om allerlei ge-
naden en zegeningen over ons uit te storten :
Hart , steeds meewarig met ons lijden, en
van verlangen doordrongen om ons aan uwe
schatten deelachtig te maken . I\' «elven
geheel aan ons ie geven ; Hart . steeds be-
reid om ons op te nemen . ons toevluchts-
oord , onze woning . ons paradijs op deze
wereld Ie zijn : voor dit alles ontvangt Gij
van de menschen niets dan hardheid, ver-
getelheid en verachting. Gij bemint . en
men geeft IT geene liefde voor liefde, men
kent deze liefde niet eens. men wil de
onderpanden uwer liefde niet . men wil
-ocr page 390-
Ï84                  VKHSCIIII.LEXDE OEBEBEK.
uwe tcederr en geheime woorden . «raar-
door Gij tot onze harten spreekt . niet
hooren.
Om die vele vemnadingen . die groote
ondankbaarheid eenigermate te herstellen .
en mij , zooveel mogelijk. aan het gevaar
te onttrekken van in een dergelijk ongeluk
te storten . offer ik V . o Jezus, mijn hart
op. en wijd 1\' al zijne neigingen. Vim
«lil oogenhlik at\'
         dat beloof ik U ,
verlang ik van harte, mij zelven en ul-
les. wal maar in de verste verte mij be-
tret\'t . te vergeten, opdat ahsoo alle binder-
palen worden weggenomen, welke den toe-
gang tot uw Hart zouden kunnen bcmoei-
lijken. (üj hebt l verwaardigd . mij uw
Hart te openen . en ik heb een levendig
verlangen er in te gaan, om daar, met
uwe getrouwste dienaren, geheel doordron-
gen en ontvlamd van uwe liefde , te leven
en te sterven.
Leer mij. o allerheiligst Hart van Jezus,
dat ik uiij zelven vergete ; want dat is de
eenige weg, die tot U voert. O, dat ik
toch in mij niets meer toeliet , dat U zou
kunnen mishagen \' Leer mij dan datgene
verrichten, wat ik doen moet , oiu de zui-
verheid des harten te bekomen, naar welke
(Jij mij een zoo groot verlangen inboezem-
-ocr page 391-
S85
VM!»( llll.r.KNDE OBIIKDEN.
det. Ik heb den vasten «il. U te behagen;
docli tevens gcene macht om daartoe te gera-
ken . indien uw licht en uwe genaden mij
niet geheel bijzonder te hulp komen.
Andor gebot] der H. Qertrodii*.
O Jezu», stel mij onder de liefderijke
bescherming uws Harten\'. Dompel in ij in
de/e oneindige zee uwer liefde. sluit mij
op in dit fornuis uwer liefde . en verteer
mij geheel en al in deze hcmelsche vlam-
men. Daar zij bet mij vergund, o mijn
Verlosser, den prijs te leeren kennen van
het bloed . dal Gij te mijner vrijkooping
vergoten hebt : daar zij liet mij vergund .
de zoete stem uwer liefde te hooren.
O Melde! (iij zijt de bron des Levendige»
waters, waarnaar ik zoozeer dorst. Zie.
mijn hart nadert tot O met een liefdegloed
en een vurig verlangen . waardoor het ge-
pijnigd wordt. Open mij den heilzamen
ingang tot uw Hart! Ziehier mijn hart!
Aanvaard bet! Voortaan wil ik het niet
meer behouden.
O Jezus, mijne zoete hoop, laat uw Hart,
dat reeds uit liefde tot mij gewond is, en
aanhoudend voor alle zondaars open staal,
het eerste toevluchtsoord voor mijne ziel
-ocr page 392-
3Sfi
VKHSI [1I1.LE.NDK UhUEDEX.
wenen bij hare scheiding van bet lichaam,
en verdelg in desen afgrond uwer euidc-
loozo liefde voor eeuwig al mijne zonden.
Amen.
NOVEEN VOOR DEN EERSTEN VRIJDAG
DER MAAND.
Oofexiinsen on Qebodon
voor iedoroii <1:*ü\' (Ier noveen*
Woük8daö. Eerste dag. Oceneegi/u/. Hot
voorworp der devotie tot het 11. Hart is
hel aanbiddolijk Hart van Jezus en de
onmetelijke liefde. waarvan het brandt
voor ons. Zij heeft ten doel . Hem liefde
voor liefde te geven . Hem te bedanken
voor zijne weldaden , en de beleedigingen
te vergoeden , die Hem nog altijd worden
aangedaan. Die devotie werd in de laatste
tijden veroponbaard . om in de harten der
Christenen het geloof, dal wankelde, te
versterken . en de liefde , die verflauwde,
op te wekken. O Hart van Jezus, moge
ons vaderland zich geheel aan V toewijden,
dan zal er het H. Geloof en uwe liefde
toenemen en bloeien.
•di
btte^-
-ocr page 393-
_____________________cxïrro
VKUSI\'IIII.I.KXUK GKI\'.KIIKX.                  387
gp2-
GEBED
voor ilo :tfl>»-ol<iinK vanhcl II. Hart,
Ziedaar. geliefde .Jezus, line ver <le,
overvloed van uwe liefde gegaan is ! Om
17 ganse]) aan mij te geven . liel)t gij mij
eenen goddelijken maaltijd van uw vloescli
en bloed bereid. Wie heeft U ooit tot
zulke verrukking van liefde kunnen bren-
gen ? Ach\' het is zeker uw liefderijk Hart 1
O Hart van mijnen Jezus ! vlammend vuur
der goddelijke liefde. ontvang mijne zie!
in uwe heilige wonde. opdat ik in die
school van liefde eenen God leere bemin-
ncn . welke mij zoo wonderlijke bewijzen
van zijne liefde heeft gegeven.
Dat het Mart van Jezus overal bemind
zij !
(UK) dagen aflaat, vergund door l\'ius IX.)
(hze. Vader. - Wees gegroet. — Eere zij
den Vader.
O Maria . leer ons het Hart van .Jezus
beminnen !
Dokdbbsag. Tweed:: dag. Oreriregiitg.
De devotie tot het H. Hart, moet niet het\'
uitsluitend voorrecht zijn van enkele heilige
zielen. Onze Verlosser heeft gewild , dat.
ze overal verkondigd en verspreid zou
worden. Zijn niet alle mensehen het voor-
werp zijner liefde: zijn niet allen afgewua-
-ocr page 394-
ÏX3________________________________________________
HS.S                     \\ KKSI\'IIII.I.KXIIK liKISKIiKX.
p
sehen in zijn 11. Bloed en met zijne ivel-
daden begunstigd : hebben niet ir//\'v zijn
aanbiddelijk Hart gewond door hunne
zonden P TTel is dus ook de plicht van
rdlc.ii, aan liet Hart van Jezus den tol van
liefde, dankbaarheid en herstelling te be-
talen. O Jezus, riep de 11. l/iguori uit,
leer aan de menschen het goddelijk recht
kennen, dat (üj hebt op hunne liefde.
(ieLrdci. 0,/y f\'ader, <;/:. 61. 387.
O Maria, leer ons het H. Hart van Jezus
kennen en navolgen.
Viii.iiiAii. Derde il (tij. Occftreyiiiff. Om
den hoogen prijs wel te beseffen . waarop
de devotie tot bet II. Hart in de katho-
lieke Kerk gesteld wordt , is het genoeg
(<• overdenken . dal onze Zaligmaker zelf
gevraagd heeft . ze in Ie stellen en overal
Te verbreiden ; dat Hij de voornaamste
oefeningen zelf heeft aangegeven , en dat
Hij aan allen, die zich aan die devotie
toewijden, de troostrijkste beloften gedaan
heeft, als zijn : eensgezindheid in de familie,
ijver in den dienst van God, troost in lijden,
voorspoed bij de ondernemingen , en eene
zaligende gerustheid in het uur des doods.
Gebeden. Onze Fader, enz. lil. :J87.
O Maria, leer ons ijveren voor de ver-
eering van Jezus\' H. Hart
-ocr page 395-
VKIiSl ÏIM.I.KMIK i.Kisr.liKN.                     3SU*"
Zatkbiuu. riei\'de. dag. Utnrm-giai/. Jezus
Christus wordt niei genoeg gekend : zijne
liefde wordt niet genoeg begrepen. Men
weet. ja, dat Hij God is: dar Hij voor on»
is gestorven ; dat Hij tegenwoordig is in
liet H. Sacrament des Altaars; maar uien
kent Hem niet op die wijze, gelijk het kind
zijn veelgeliefden vader. gelijk een vriend
zijn boezemvriend kent; men kent Hein niet.
oni liet in een woord te «eggen . mei die
kennis des harten, waaruit liet innig ver-
keer en het vertronwen voortspruit. De
devotie nu tol het H. Hart zal ons Jezus
op die wijze leeren kennen en beminnen ,
met voor ons oog te ontsluieren de geheimen
zijner barmhartigheid, de zoete werkingen
zijner liefde, en de moederlijke zorgen zijner
Voorzienigheid. Gebeden. Onze Vaiht. en;,
bh.
:tS7.
O Maria, verwerf\' ons een groot ver-
trouwen op liet TT. Hart van Jezus!
Zondag. Vijfde l)a</. Ooermeging. Het
H. Hart van Jezus is voor ons gevormd
geworden: voor ons heeft het geklopt.
voor ons gebeden en geleden. Dat Hart
heeft de zalvende leering van hetH. Evan-
gelie ingegeven en de H. Sacramenten iu-
gesleld. lit de geheimnisvolle wonde
-ocr page 396-
iXjTYQ
390                  \\ KK8CIIII.liKMIK r.KBEDKX.
ran dat Hart is de H. Kerk voortgekomen,
gelijk de H. Vaders liet leeren : dit Hart
steunt en leidt en beschermt on troost haar
van nit zijn H. Tabernakel: dit Hart ie
bet dat de gevoelens instort van heldhaf-
tige toewijding, dat alle smarten heiligt
en alle deugden kweekt: dit Hart schenkt
ons vergiffenis in liet Sacrament vanJ5oot-
vaardigheid en doet ons in ons binnenste
de stem der genade liooren : dit Hart ein-
delijk gat\' ons Maria tot Moeder en liet
ons liet IT. Altaar-Sacrament na tot eene
spijze onzer ziel en onzen troost indebal-
tingscliap. Gebeden. Ome Vader, enz. bh. :W7.
O Maria, mocht ik het H. Hart van
Jezus beminnen , gelijk uw Hart Hot heelt
liefgehad \'.
Maandag. Zesde Dag. Ooertciigiiig. De
Zaligmaker noodigt u uit in het allerhei-
ligste Sacrament de wonderbare werkingen
van zijn goddelijk Hart na te gaan en te
vereeren. Rustende in hel Tabernakel
verheerlijkt, dal Hart zijnen liemelschen
Vader.... Het moedigt de rechtvaardigen
aan.... noodigt de zondaars uit .... en
vervuil allen met zalving en troost... Als
dienaar van dat goddelijk Hart moet gij
de werking van dat Hart beantwoor-
fa-Jfra
-ocr page 397-
\\KKS( HII.I.KXDl: tir.llEDKN.                     :!\'.l I
den. Kn hoe!\' Door de liefde. Dit is
het wat liet goddelijk Hart van n vraagt.
,. Jk ben het vuur (der liefde) op aarde
komen brengen," zegt Jezus, ., en wat wil
ik anders dan dat het ontstoken worde.\'\'
Gebeden. Onze Vader, euz. blz. :!N7.
O Maria, vertoon ons de beminnelijkheid
van Jezus\' Hart !
Dinsdag. Zeteud\' dag. Ocerieegiug. Hel
Hart van Jezus is eene bron die alle deug-
den en genaden bevat. Jn het smartelijk
lijden op Calvarië is die bron geopend
voor de vereerders van het goddelijk Hart.
Alwie dat nart bemint en vereert, kan
daar putten volgens zijn verlangen en nood-
wcndigheden. Zijt gij hoovaardig of ijdel ?
Dit Hart is het toonbeeld en de zetel der
nederigheid en verleent die deugd aan hen
die ze vragen. . . . Zijt gij oploopend ot
grammoedig!\' Dit Hart leert en geeft de
zachtmoedigheid. .. . Zijt gij koud of dor
en zonder godsvrucht P Dit Hart is de
bron der goddelijke liefde en teederste
godsvrucht. . . . Hebt gij andere behoeften!\'
Leg die bloot aan het goddelijk Hart... Ge-
beden. Ome Kader, enz. blz.
387.
O Maria , gij kent onze zwakheid en nood.
Beveel ons aan het Hart van uwen godde-
5 lijken Zoon !
-ocr page 398-
W
m
V KUM\'IIII.I.KMiK (IKIIKIU.X.
Wokxhdau. Achtste Thf/. OcfifiregiHt). De
Zaligmaker «elf hoeft kenbaar gemaakt .
iïat Tlij verlangde zijne eindeloozc liefde
vereerd te zien onder de voorstelling van
gijn Hart. geopend door de ironde en oin-
geven door de kenteekenon zijns lijden».
Hij heeft beloofd, dat overal, waar die
afbeelding gevonden wordt, zijn bemclache
zegen overvloedig zou ncerstroomen. En
wat ook anders kan het Hart van Jezus
doen . waar het ook is. dan liefhebben .
zegenen en troosten \'r
          Die afbeelding
van liet II. Hart is eene eenvoudige, maar
dringende en aanhoudende prediking . ons
aansporende tot liefde on vertrouwen jegens
een (iod, die ons zoozeer heeft bemind.
Twee eeuwen zijn er verloopeu. sinds Jezus
dat verlangen te kennen gaf. en hoeveel
kerken, hoeveel huizen zijn er nog. waarin
de afbeelding van het H. Hart niet wordt
gevonden \'. Hoe vele zieken . hoe vele ar-
nien en bedrukten mogen nog hunne blik-
ken niet vestigen op dat groote toonbeeld
van onderwerping, op vlo afbeelding van
dien goddelijken Vertrooster! Oebeden.
(>„: < l,»/v. r,,:. hl:.
:JS7.
O Maria, geel\'ons eenc plaats bij l in
het il. Hart van Jezus !
DoHDinuue. S*gtmle /tin/. OeeriMfgi»g
exyjjj
ÖJfcfera
-ocr page 399-
op
\\ Kltsi:IIII.I.KNI>K OEBEOKK.                     393
De II. August inus vergelijk! liet Hart van
Jezus bij de ark van Noc, waar allen, die
er binnentreden . uit den zondvloed gered
worden. Aan dat geopend Hart . /egt de
II. Oypiïanns. ontwelt de bron. die springt
ten eeuwigen leven, liet Hart van .Jezus,
zegt de H. Bernardus, is hei fornuis der
hevig brandende liefde, die geheel de wereld
in vlam moet zetten. l)e H. Petrus l)ami-
anus noemt dit Hart de schatplaats van
wijsheid en kennis, de 11. Franeiscus van
Sales noemt het de bron van alle genaden,
en de II. Bonaventura de schatkamer van
alle goed. De II. Franciscus van Assisii;.
de II. Clara, de II. Aloysius van Gonzaga
riepen dat Hart zonder ophouden aan als
het brandpunt der goddelijke liefde. Dit
Hart eindelijk werd aan de 11. Meehtildis
gegeven als eene plaats van toevlucht in
het leven. en een onderpand van den
Koetsten troost, in het uur des doods. 6r-
Ifdf.ii. Onze Vadet
, enz. il;. ÜS7.
O Maria, wij bieden 1T het Hart van
Jezus aan ! Wij kunnen 0 niets aange-
uamers aanbieden dan het Hart van uwen
goddelijken Zoon. gelijk Gij zelve het aan
de H. Gertrudis verklaard hebt. Neem
het dan aan. o teedere Moeder, te gelijk
~*ëu3
-ocr page 400-
m^------------------------*m
:i94                  VKRSCIin.l.ENDE OEHKDEN.
mei de harten vitn al uwe kinderen . wier
lenze immer zijn zal :
GEHEEL AAN HET HAPT VAN .) KZUS
DOOI! HET HAKT VAN\' MABIA!
GEBED
van corht\'i\'st cl op den eerston
"Vrytlag «lor maand.
Goddelijke Verlosser! Grewaardig Uinet
barmhartige oogen neer te zien op de kinde-
ven van nw H. Hart, die, vereenigd inde-
zelt\'de gevoelens van geloof, van eerliefstel
en van liefde, aan uwe voeten hunne onge-
tronwheden en die dar arme zondaars, die
hunne broeders zijn . komen lieweenen.
Kunden wij door de eenparige en plech-
tige beloften welke wij zullen doen, uw
goddelijk Hart treilen en barmhartigheid
bekomen voor ons, voor de ongplukkigc
en schuldige wereld en voor allen, die het
geluk niet hebben D ie beminnen \'.
Jn het vervolg . ja , wij beloven hel :
De vergetelheid en de ondankbaarheid der
mensehen, willen wij vergoeden.
Uwe verlatenheid in het Tabernakel ,
-ocr page 401-
SF2"
VK.Ksi liri.lt NUK UKIIKDBX.                 393
De misdaden der zondaars, willen »ij ver-
goeden.
Don haat der goddoloozen .
Do godslasteringen . welke men tegen
U uitbraakt .
De onleoringon . uwer Godheid aange-
(lilHll ,
IV heiligschennissen. «aanloop uw Sn-
erament van liefde wordt onteerd,
De ontstichting en oneerbiedigheden in
uwe tegenwoordigheid begaan.
Het verraad, waarvan gij liet aanbiddo-
lijk slachtoffer zijt.
                                   i
IV koudbeid van de meeste nwer kin- 2
deren.
                                                          3
De verontwaardiging, welke men toom \'~\'-
over uwe minzame uitnoodiging .
          6
IV ongetrouw heden van ben , die zich {3
uwe kinderen noemen ,
                            2.
liet misbruik uwer genaden ,                     ss
Onze eigene ongetrouw heden ,
De onbegrijpelijke verharding onzer har-
ten .
Ons vertragen om lr te beminnen,
Onze lafheid in uwen dienst,
De bittere droefheid , welke liet ver-
derf der zielen I.\' veroorzaakt .
Uw lang «achten aan de deur onzer
»iel(\'1\' •_____________________________J|
-ocr page 402-
m^---------------------------------------Ê*g5
E .WC                  YEKSCHII.I.KMIK liKKKDKN.
De bittere afwijzingen . waarmede men U
laaft.
Uwe liefdezuchten /uilen ons bewegen.
De liefdetranen, die gij voor ons hebt ge-
stort, willen wij opvangen.
Aan liet ballingschap dat uwe liefde moet
onderstaan, willen wij een einde maken.
J)e marteldood , welken uwe liefde heeft
geleden . zal onze liefde doen herleven.
< i EBKD.
Goddelijke Zaligmaker Jezus, die aan
uw Hart deze smartelijke klacht hebt laten
ontvallen: Ik Iteb gezocht, die Mij zoude»
troosten, maai\' heb die niet gevonden
; gewaar-
dig \\\' onze zwakke hulde van troost aan te
nemen, en ons door den machtigen bijstand
uwer genade zoo te ondersteunen, dat wij
in het vervolg meer en meer datgene vluch-
ten . wat. U zou kunnen mishagen , en in
alles, overal en te allen tijde toonen uwe
getrouwe en toegewijde kinderen te zijn.
Wij bidden U om deze genade door V
zelven . die God zijnde met den Vader en
den TI. Geest, leeft en hcerscht in alle
eeuwen der eeuwen. Amen.
fctfea
-ocr page 403-
nsriïOXTiD.
Itl.UW.
Voorrede..........I"
Kort Overzicht der Getckiedenu van 4e
devotie lol Jez-us\' II. Hart. ... v
Aflaten verbonden aan de viering der
Junimaand.........si
Eerste Dag. Wat vereeren wij, al*
wij het fl. Hart vereeren\'.\' . . 12
Tweede dag. - Waarom rereeren wij
hel II. Hart?.......21
"ê^tto
-ocr page 404-
^ng
6*55
lll.AtlZ.
Derde dag. Hm/ voordeel geeft ons
de vereering run Jezus\' II. Hart? . :><>
Vierde Dag. Wat liefde hel II. Hart
ons betoonde in hel Verlossingswerk. i<>
Vijfde I hifi. Hel II. Hart en il f
Christelijke Geloofsleer.....Hl
Zesde Hap:. Hel II. Hart en zijne
nu ii heelden.........,,,,
Zevende 1 )jifr.         Hel II. Harl ons lee-
rende bidden........71
Achtste Dag.         Het II. Hart , bron
run vrede.........S(
Negende Dag. Hel II. Huil ei, ,le
II. Kerk..........«I|
Tiende Dag. Hel II. Huil en de
////. Sacramenten.......lol
Elfde Dag. Het II. Hart en hel II.
Misoffer..........III
Twaalfde Dag. Het II. Hart en ,le
II. Communie........lil
Dertiende Dag. Hel II. Huil en ,1e
II. Teerspijze........\\;fi
Veertiende Dag. Hel II. Huil in \'I
II. Sacrament onder ons verblijvende. 142
Vijftiende Dag. Hef II. Hart, zijne
trtte\'ï"
-ocr page 405-
inhoud.                           :«»«.• ^- 5
BLAD/..
Verdiensten, zijn Lijden, zijn Bloed. 152
Zestiende Dag. //\'\'\' ff. H«rt <*«
.tforia..........1*>I
Zeventiende Dag. ffe< ff. Hort e/i
sy«e beloften........170
Achttiende Dag. Wo/ verlangt liet
II. Hart van ons? I. Aanbidding.
. 180
Negentiende Dag. De EerewacM. . 190
Twintigste Dag. ll\'ft/ verlangt Jezus\'
II. Hart van ons? II. Eerherstel,
\'200
Ken en twintigste Dag. Wat ver-
langt liet II. Hart van ons ? III. Na-
volging
..........210
Twee en twintigste Dag. Het II.
Jlurl run Jezus, ons voorbeeld van
Mchlmoedigheid
.......219
Drie en twintigste Dag. - Het H.
Hart, ons toonbeeld van oottnoedig-
heid
........... WO
Vier en twintigste Dag. Het II.
Hart, ons voorbeeld van medelijdende
naastenliefde
........2<iO
Vijf en twintigste Dag. - Hel ff. Hart
ons voorbeeld in \'I verachten der
aardsche goederen
.......2">0
Sfe?                                        song
-ocr page 406-
---------------------:-----------------------<^Sg
•100                                    INIlnl\'Il.
nr.An/.
Zes en twintigste Ha»;. Hel biddend
llarl van Jezus.
......4(\'il
Zeven en twintigste Dag. - Hel H.
llarl haal de sonde
......-i\'i.
Acht en twintigste Dag. - Het II.
Hart, ons voorbeeld van boetvaardig-
heid
..........\' . -2S1
Negen en twintigste Dag. - liet ster-
remi Hart van Jezus
......291
Dertigste dag. • - Hel beeld ran \'t
H. Hart..........
3(tó
Lezing voor den feestdag van \'t II. Hart
van Jezus
.........IJl 2
Gebeden onder de II. Mis.....:)2:t
Oefeningen vóór en na de H. Communie. \'Mi
Gebeden onder hel Lof......34S
Verschillende gebeden ter een-e, van het
Allerheiligste Hart van Jezus. . .
ttf)\'.)
Noveen ter eere. van hel 11. Hart voor
den eersten Vrijdag der maand. . W>
OT?y3                                                   " Pëtio