-ocr page 1-
f run iü iv
fc *«» -^f i                        , V
tfak 88
^,rSfe5^&S^^^ï5^^8^^i^
TÉOSOfcjJt:* ,. .i:55r34QJi:j«Ci804040fcife3fe3fc.ife34£^£*C3&.^f^f»
umniïii
iTXixrxxir3:jrtrixmxjuiixTTTTmxnirirj^iiiiyiiir»iT
HET AARTSBROEDERSCHAP
DKR
HEILIGE-FAMILIE
£
DESZELFS
GESCHIEDENIS en VRUCHTEN
rEK GELEGENHEID ZIJNS GOUDEN JUBELJAAKS
1844-1894,
door den E..P. LEJEUNE, Redemptorist,
VERTAALD DOOR DEN E. P. MIEVIS, REDEMPTORIST.
fiiiiitxjiiixiiixTTiTTTTmTXrTrxrTjgJxrxniinriTïxxn.
liiniuii
\'t Aartsgenootsi hap Jezus, Maria, lozef
JUICht VUrig bl.1 \'t goUDen JUbeUaar
zUner InsteÜ.lng.
II
mTTTTTxxxxniniixnxixxxiiiizxnimxxTixixiixxiumixiixmxxxTxiTiKrxx\'
flöaatscbappij SintOïugtwtinus,
DESCLÉE, DE BROUWER en C,
1894.
\\luiu:iiujiluuilDmiimiinmiJixj4iinnu iuii itniit inuui
w.^
-ocr page 2-
------
-ocr page 3-
\'
\'
•
„<7
^cjesx -c*
I
\'\'
-ocr page 4-
-ocr page 5-
HET AARTSBROEDERSCHAP
der HEILIGE-FAMILIE
GESTICHT TE LUIK.
-ocr page 6-
-ocr page 7-
O. F. M.
ENS
-ocr page 8-
mims&&mmsmim$è&mm8$i&m
GOEDKEURINGEN.
Door onzen Zeer Hoogweerdigen Pater Raus, Alge-
meenen Overste, daartoe bemachtigd, en op het gunstig
verslag van twee godgeleerden onzer Congregatie door
ons gelast met het onderzoek van het werk : Het Aarts-
broederschap der Heilige Familie,
enz., uit het fransch
vertaald door Pater Mievis, vergunnen wij dat het gedrukt
worde.
Brussel, 10 februari 1894.
E. Dubois, C. SS. R.
Suft. Prov.
.1._______.1.
... — •                           1                             • — — -
GOEDKEURING
Bisdom van Luik.
Eerweerde Pater,
Men kan het werk van den E. P. Lejeune over het
Aartsbroederschaft der H. Familie niet lezen zonder over-
tuigd te zijn dat deze instelling een der heilzaamste is
welke in onze eeuw werden opgericht. De nederige oor-
sprong van het Genootschap te Luik, zijne buitengewone
ontwikkeling in België, Holland, Engeland, Ierland en
veel andere landen, de overvloedige vruchten welke het
overal heeft voortgebracht, de aanmoedigingen en lof-
spraken der kerkvoogden, de goedkeuringen en zegenin-
gen der Pausen Pius IX en Leo XIII.... alles duidt aan
dat het niet zonder eene bijzondere voorbeschikking der
Voorzienigheid tot stand kwam. De vereering der H. Fa-
milie en de navolging van Jezus, Maria en Jozef, is voor-
zeker een allerdoelmatigst middel om al de geloovigen,
doch voornamelijk die der werkende klasse, tegen de
hedendaagsche dwalingen te beschutten, en in het beoefe-
nen der huiselijke en christelijke deugden te ondersteunen.
Welnu het Aartsbroederschap streeft naar dat edel doel
en bereikt het in ruime maat bij het grootste getal zijner
-ocr page 9-
Goebfteurlngen.                              v
leden. Ook zullen de socialisten, die doodvijanden van
Godsdienst en huisgezin, van gezag en eigendom, te ver-
geefs onder de trouwe leden der H. Familie aanhangers
zoeken voor hunne even goddelooze als rampzalige ont-
werpen.
Het is dus hoogst verdienstelijk een zoo nuttig Ge-
nootschap beter te leeren kennen en hoogschatten, en
dat doet gij door uwe uitmuntende nederlandsche verta-
ling van het boek van den E. P. Lejeune. De brave
Vlamingen en Hollanders zullen het U vurig dankweten.
Aanveerd, Eerweerde Pater, de uitdrukking mijner
oprechte gelukwenschen en de verzekering mijner vrien-
delijke verkleefdheid.
M. Rutten,
Vic. Gen.
I,uik, den 17 april 1894.
-ocr page 10-
Aan Zijne Doorluchtige Hoogweerdigheid
MONSEIGNEUR DOUTRELOUX,
BISSCHOP VAN LUIK.
Monseigneur,
Dit werkje, ons door de gehoorzaamheid opgelegd, moet
van rechtswege aan uwe Hoogweerdigheid worden opge-
dragen.
Het Aartsbroederschap der Heilige Familie is in uwe
Bisschoppelijke stad begonnen en heeft er zijnen zetel en zijn
middelpunt. Het heeft zijne oprichting, zijne statuten en zijnen
glorierijken titel van Aartsbroederschap aan eenen uwer
doorluchtige voorzaten te danken. En mi,na eene halve eemv
bestaans en vruchtbaarheid, acht het ztch gelukkig in uwen
persoon zijnen verkleefdsten verdediger, zijnen ieverigsten
bevorderaar, en zijnen bevoegdsten voorstaander te bezitten.
Getuigen hiervan de vaderlijke aanspraken mver Hoog-
weerdigheid aan deszelfs leden, de heerlijke loftuigingen
mver Hoogw. in de katholieke vergaderingen, en de menig-
vuldige gunsten door [fwe Hoogiv.bij onzen Vader den Paus
voor het Aaltsbroederschap gevraagd en bekomen.
Onlangs nog, in eenen wondersrhoonen brief, heeft Uw
Hoogw. zijne hoogachting en vaderlijke toegenegenheid voor
ons Genootschap aan de voeten van Zijne Heiligheid den
Paus Leo XIII willen nederleggen.
Gevveerdig u dan, Monseigneur; ons werkje als een blijk
onzer vurige dankbaarheid en innige toegenegenheid te aan-
veerden.
Van uwe Hoogiveerdigheid
De eerbiedvolle zonen,
P. Lejeune, cssr.
J. MlEVIS, CSSR.
-ocr page 11-
ggSMg%%%%^%%g%SMS%%%%%%%g%gg
VOORWOORD.
;E?jp3)lKjji IJ willen hier vooreerst onze lezers doen op-
i»H Y ËA mer\'cen dat ons Aartsbroederschap der Heilige
flïlmJyS&l Familie niet de Algemeene Vereeniging der
jiO^TigSSy christelijke Familicn zeer wel overeenkomt.
De jubelfeesten die in augustus aanstaande te Luik
zullen gevierd worden, en hunnen blijden weerklank zul-
len hebben in de herten van de honderd duizende deelge-
nooten die in de twee werelddeelen met het Moederge-
nootschap verbonden zijn, vallen juist op het tijdstip
waarop onze H. Vader de Paus Leo XIII de Algemeene
Vereeniging der familiën in de huiselijke vereering der
H. Familie van Nazareth komt in te stellen. Deze instel-
ling die de christelijke familie moet verheffen, den huise-
lijken haard in een heiligdom van deugden veranderen,
en er de bescherming van Jezus, Maria, Jozef doen
over nederkomen, zal een der schoonste eertitels zijn van
het glorierijk pausschap van Leo XIII, en tevens eene
schitterende bevestiging en goedkeuring van ons dierbaar
Genootschap. Het Aartsbroederschap, ofschoon verschil-
lend van vorm, beoogt immers hetzelfde doelwit, en heeft,
God zij gedankt, in dien zin reeds de heilzaamste vruch-
ten voortgebracht. Niets kan dus beter dan deze pause-
lijke instelling, beantwoorden aan de vurigste verlangens
van ons Aartsgenootschap dat den eeredienst der H. Fa-
milie zoo zeer behertigt, en zoo vurig wenscht overal
meer en meer verspreid te zien. — Ons Genootschap,
wel is waar, neemt de huisgezinnen niet gezamenlijk in
zijnen schoot op: zulks is eigenlijk het doelwit der
nieuwe pauselijke instelling; maar het brengt toch in
ruime mate het zijne bij om de wenschen van den
H. Vader den Paus te verwezenlijken. Immers de deel-
genooten der Heilige Familie zijn uitnemend goed voor-
bereid tot deze huiselijke godsvrucht, en zij oefenen ze
reeds op zekere wijze, wijl hun reglement hun voorschrijft
van, iederen morgen, hunne dagelijksche bezigheden aan
Jezus, Maria, Jozef op te offeren, en van tijd tot tijd door
-ocr page 12-
Vnortooorö.
VIII
den dag, door de aanroeping der H. Familie, deze opoffe-
ring te vernieuwen. Daarenboven bezit elk lid in zijn di-
ploom van opdracht de beeltenis der H. Familie. Zij
zullen dus met vreugde deze nieuwe pauselijke instelling
bijtreden, en zich door niemand laten overtreffen in hun-
nen iever om zich met hunne familie aan Jezus, Maria,
Jozef toe te wijden, en deze schoone en heilzame gods-
vrucht te verspreiden. Nog eens gezegd, de heilzame instel -
ling van onzen H. Vader den Paus beantwoordt teenemaal
aan de vurigste verlangens der leden van het Aartsbroe-
derschap der Heilige Familie.
Wat ons betreft, wij verlangen niets zoo vurig dan ons
werkje door onzen H. Vader den Paus gezegend te zien ;
en wij durven verhopen dat het met voldoening aanveerd
en gelezen zal worden door de leden, en ook door de
Prefekten, Onderprefekten en Bestierders der Heilige
Familie. Allen kunnen er door, hunne verkleefdheid aan
het Aartsbroederschap meer en meer doen aangroeien, en
zich met eenen nieuwen iever bezielen om de godsvrucht,
den eeredienst en de liefde tot Jezus, Maria, Jozef in
hunne familiën en overal meer en meer te verspreiden en
te verlevendigen.
-ocr page 13-
Gerote DeeL
Boe fret Genootschap Der R. Familie
tot stano is gekomen.
EERSTE HOOFDSTUK.
Opkomst der Heilige Familie.
I. Drij wel beradene mannen.
ET was in den avond van den 23 mei 1844.
Men kwam de oefeningen der meimaand in
de kerk der Paters Redemptoristen van Luik
te eindigen. Een officier, die gewoonlijk deze
kerk bezocht, deed in het uitgaan aan een jongeling zijner
vrienden teeken van hem te volgen. Op straat gekomen
stond hij stil : « Zijt gij bereid ons plan bij te treden?
zoo sprak hij ; wij zijn het eens dat er noodzakelijk iets
moet gedaan worden voor het geestelijk onderricht van
het werkvolk. Ik heb u voorgesteld vergaderingen van
twaalf man in te richten onder het bestier van eenen
Prefekt die hun eene geestelijke lezing zou doen. Deze
Prefekten zouden moeten bijeen komen om malkander
te verstaan. En, voegde hij er met vastberadenheid bij,
wij moeten zonder uitstel de hand aan \'t werk slaan. —
Maar waar en hoe begonnen ? » — « Wel, antwoordde
de godvruchtige jongeling, toekomenden zondag is het
Sinxen, dag waarop de Heilige Geest over de Apostelen
nedergedaald en de Kerk is gesticht geworden. Nochtans,
denk ik dat het beter ware onze vergaderingen \'s maandags
te houden. » — « Goed zoo, wij beginnen, al moesten wij
op Sint-Lambrechts plaats vergaderen. Ik ga dus eenige
mannen aanwerven. Tot morgen. » — Die twee vrienden
Aartsbroederschap der H. Familie.                                                        I
-ocr page 14-
2             eerste Deel. — Gersïe BoofbjStufi.
waren Hendrik Belletable, officier van het genie, en Karel
Joseph Hacken, kleermaker (\').
Hacken begaf zich dadelijk bij eenen schrijnwerker,
met naam Egidius Jongen, die dicht bij de kerk woonde.
Hij had hem nog nooit gesproken, maar zag hem dagelijks
bij de Paters in de Mis. Bij Jongen aangekomen, zag
Hacken, in eene groote kast die half open stond, een
soort van autaar, waarop in eene nis een treffend Lieve
Yrouwbee\'d prijkte, en zeide bij zich zelven : Dat is
onze zaak, hier zullen wij beginnen. Daarop komt Jongen
binnen, en zijn bezoeker zegt hem effen af: « Mijnheer,
leen ons deze kamer voor toekomenden maandag : gij
zijt van ons volk. » Na eenige woorden uitleg had men
elkander begrepen, en de kamer werd toegestaan.
\'s Anderdaags komt de officier den schrijnwerker
met eene vracht hout op zijne schouders te gemoet, en
bejegent hem vriendelijk, en daar Jongen zijne verwon-
dering toont, van eenen officier zoo gemeenzaam met
eenen werkman te zien omgaan : « O, zegt Belletable, ik
houd veel van het werkvolk, ik ben gewoon onder hen
te leven in de kanongieterij. Overigens, wij zijn land-
genooten : toekomenden zondag zal ik u komen bezoeken,
ik heb u over eene belangrijke zaak te spreken. »
II. Het plan van Belletable.
Op Sinxendag, komen Belletable en Hacken samen
bij Jongen, wiens verslag wij hier letterlijk overnemen :
« De officier stelt zijn plan voor. Dagelijks in aanraking
met het werkvolk, ziet hij met droefheid, dat het zoo
genegen is tot vloeken, Zondag ontheiligen en dronken-
schap. Het ongelukkig leven der arbeiders die bij gebrek
aan Godsdienst, zich nog een rampzaliger lot in het ander
i. Andoren zeggen dat Belletable 2ijn plan eerst aan Jongen mede-
deelde, dat deze den officier naar zijn huis bracht, hem de kamer binnen-
leidde waar het Lieve Vrouwbeeld in de half opene kast stond, en hem
die plaats voor hunne eerste vergaderingen aanbood. — Wat er ook van
zij, zeker is het dat het eerste ontwerp der H. Familie door nederlandsohe
herten is opgevat en uitgevoerd geworden.
•
-ocr page 15-
Opftomjft Der Keimje Familie.               3
leven voorbereiden, doorgrieft hem het hert. Ook wil hij,
kost wat kost, alle middelen inspannen, om het tot God
weder te brengen : hij vraagt eene kamer, waarin hij
iederen maandag vergadering zou kunnen houden. Zijn
inzicht is, eene geestelijke vereeniging te stichten, onder
de bescherming der twaalf Apostelen, en verdeeld in
groepen, ieder van twaalf man. In afwachting van een
beter lokaal, werd er besloten, de eerste vergaderingen
in mijn huis te houden. Ik leidde den officier in de plaats
die ik hem bestemde, en waar zich het Lieve Vrouw-
beeld bevond, dat ik zelf, op verzoek mijner dochter,
gemaakt had, Zoodra wij de plaats binnentraden, viel
Belletable op zijne knieën, voor het beeld van Maria, en
riep met vurige geestdrift : Het is God en zijne Moeder
die mij ingegeven hebben, hier te komen, en u mijn
plan voor te stellen. Maria zal ons ontwerp bevestigen en
zegenen. De eerste vergadering werd voor \'s anderdaags
vastgesteld.»
III. De eerste vergadering.
Op Sinxen maandag avond, 27 mei 1844, na de
kerkelijke diensten, waren zeven mannen vergaderd, in
het huis van Jongen, voor het Mariabeeld met eenige
bloeiende geraniums versierd. Hacken bad het Vent
Creator,
Belletable begon den Rozenkrans, deed daarna
eene geestelijke lezing, en wakkerde zijne medebroeders
aan om nieuwe leden aan te werven. Men bad daarna het
Memorare, en scheidde met blijde aandoening, elkander
belovende, iederen maandag de vergadering standvastig
getrouw te blijven.
Wie zou gezegd hebben, dat dit klein zaadje, eens de
weelderige boom van het Aartsbroederschap der Heilige
Familie zou worden, die thans zijne talrijke en heilzame
takken over de twee werelddeelen uitspreidt? Het zal de
stad Luik ten eeuwigen dage ten eere geduid worden,
deze reddingsark in hare muren te hebben zien optimme-
ren, die in onze tijden, aan al de standen der maatschappij,
maar bijzonder aan de werkende klas, een toevluchtsoord
*
-ocr page 16-
4             Gerjfte Deel. — eerste EoofDjftuft.
aanbiedt, om haar tegen den zondvloed van goddeloos-
heid en zedenbederf die de wereld overstroomt te
beschutten.
IV. De beproeving.
Reeds in de tweede vergadering waren vijf nieuwe
leden zich bij de zeven eersten komen aansluiten.
Ziehier de namen der twaalf stamvaders : Belletable,
Hacken, Jongen, Rouma, Naveau, l.apaire, Nelisse, Mar-
tino, Gerard, Kia, Viering en Deruisseau.
De eerste beproeving, die de pas geborene vergadering
moest onderstaan, was de verwijdering van haar opper-
hoofd. Belletable, die sedert eene maand vele nieuwe
leden had zien bijtreden, moest in september van garni-
zoen veranderen, en zich naar Bergen begeven. Hacken
had ook in den zomer Luik moeten verlaten, om als
loteling, naar het kamp van Beverloo te gaan ; in sep-
tember kwam hij terug, en de Voorzienigheid wilde, dat
op dienzelfden dag, Belletable ook vertrok ; zoodat zij
van Luik tot Hoei te samen reisden. De officier belastte
zijnen reisgezel met zijn ambt van voorzitter over te
nemen, en nieuwe groepen van twaalf man te vormen.
Doch Hacken wilde eerst zijne medemakkers raadplegen,
en werd met eenparige stemmen als bestierder aange-
steld.
V. De vergadering kiest patronen.
Wij geven hier het woord aan Hacken, wiens eigen-
handig verslag wij onder de oogen hebben. « Ik had
eene groote devotie tot Jezus, Maria, Jozef, en de
gewoonte van iederen avond die Heilige Patronen te
aanroepen.. Reeds sedert eenigen tijd, beraamde ik een
soort van Broederschap der Heilige Familie. Op zekeren
maandag avond, dat ik aan mijne dierbare medebroeders
eene voorlezing deed uit Het inwendige van Jezus en
Maria,
door Pater Grou, S. J., onderbrak ik eensklaps
-ocr page 17-
I
Opftomsft bet Keiïige Familie.               5
mijne lezing, en voelde mij inwendig aangezet om deze
verklaring te doen : « Medebroeders, niettegenstaande
het vertrek van Belletable, moeten wij standvastig blijven,
zijne afwezigheid is zelfs eene reden te meer om ons
dichter bijeen aan te sluiten en te volherden : wij zijn
slechts een mostaardzaadje, maar ik hoop dat wij een
groote boom zullen worden. »
« Vervolgens stelde de godvruchtige Prefekt, ons Jezus,
Maria, Jozef voor, als Patronen en Beschermers der
Vergadering, doch eerst wilde hij desaangaande, zijnen
zielbestierder, den E. P. Dechamps, Rector der Redemp-
toristen, raadplegen. Deze keurde zijn plan goed, en van
toen af werd de glorierijke titel van Heilige Familie,
Jezus, Maria, Jozef, ons allen diep in het hert gegrift.»
VI. Tusschenkomst der Paters
Redemptoristen.
Er ontbrak nochtans iets aan deze heilige onderne-
ming. Hare duurzame daarstelling, hare doelmatige ont-
wikkeling, die uitsluitelijk het geestelijk welzijn harer
leden beoogde, vereischte dat hare leden door de
geestelijke Overheid geleid en bestierd zouden worden.
Zulks verstond Belletable, zooals Hacken het in zijn
handschrift bestatigt: « Ik onderhield eene briefwisseling
met Belletable,die er op aandrong om eenen priester aan
het hoofd onzer vergaderingen te bekomen : wij verston-
den beiden dat zulks noodzakelijk was. Ook had hij
meermalen aan den E. P. Dechamps geschreven, om
eenen Pater Redemptorist van het klooster van Luik als
bestierder te vragen, doch had slechts verkregen dat de
E. P. Leroy van tijd tot tijd eenige woorden van aanmoe-
diging aan de vereenigde leden in het huis van Jongen
zou toespreken. Deze omzichtigheid van Pater Dechamps
begrijpt men als men nagaat dat de Z. E. P. Von Held,
toenmalige Provinciaal der Redemptoristen te Luik,
twijfelde of het geraadzaam was het Werk van Belletable
bij te treden. Doch deze stemde zooveel te gemakkelijker
toe in de wijzigingen die zijn werk onderging, dat hij
-ocr page 18-
6             Gerote Deel. — Gerote Eoofö^tufi.
ze goedgekeurd wist door hem die vier jaren lang zijn
ziel bestierder geweest was. »
Ondertusschen had de E. P. Van der Hofstadt, Rector
der Paters Jezuïeten te Luik, het plan opgevat eene
Congregatie van jongelingen op te richten. Vernomen
hebbende wat bij Jongen omging, stelde hij aan ver-
schillige leden dezer vergadering voor, zich met hem te
vervoegen en den zetel hunner vereeniging naar de Sinte-
Catharina\'s kerk die hij bestierde, over te brengen. Doch
allen sloegen dit voorstel af. Zij wilden blijven wat zij
waren. Hacken bijzonder wilde opzettelijk den titel be-
waren dien hij aan zijne medebroeders had doen aanne-
men, en bewees aan Pater Van der Hofstadt dat hun
doelwit niet overeenkwam met hetgeen eene Congregatie
van jongelingen zou behertigen.
Onze godvruchtige stichters hielden er des te meer aan,
om aan hun werk zijn eigenaardig wezen te behouden,
dat hun getal iedere week toenam, zoo dat de twee kamers
van Jongen\'s huis weldra te klein werden.
Intusschentijd kwam eene troostvolle tijding het hert
van Hacken verblijden. Op zekeren zondag, vooravond
der sluiting der Octaaf van de Onbevlekte Ontvangenis,
1844, kwam een broeder Redemptorist hem in de kerk
verzoeken om in de spreekkamer des kloosters te komen.
Hij begaf er zich dadelijk en des anderdaags, zoo spreekt
hij, bracht de Allerheiligste Maagd en Moeder der Heilige
Familie hare kinderen in de bidplaats van den H. Al-
fonsus, dicht bij het hoogkoor der Paters kerk.
-ocr page 19-
1 TWEEDE HOOFDSTUK. W
J De stichter des Genootschaps. |
ST^ëëb^ endrik-Huibrecht Belletable werd gebo-
gOrafi J ren te Venlo den 8 april 1813, en ontving den
&-^5&J! ze\'fden dag het II. Doopsel. Zijne ouders
K^j^mfJ Dominicus-Norbertus, en Dorothea Timmer-
man, gaven hem eene christelijke opvoeding.
Hij was de man, door God verkozen, om den eersten
grondslag des Genootschaps der Heilige Familie te
leggen.
Schranderheid van geest, openhertigheid van karakter,
rechtschapenheid, edelmoedigheid en zucht naar zelf-
opoffering, niets ontbrak hem van al wat natuurlijker wijze
noodig is, om een dienstveerdig werktuig te zijn in de
handen der Voorzienigheid.
Beschouwen wij in hem den soldaat en den christen.
I. De Soldaat.
Belletable voelde zich geroepen tot den krijgsdienst
en wist door eigenwaarde van de lagere rangen des legers
tot den graad van kapitein in het Genie op te klimmen.
De beroerde tijden die hij beleefde noodzaakten hem,
bijzonder in het begin, tot gedurige verplaatsingen, waarin
wij hem gaan volgen.
1.  Dienst in het Hollandsch leger:
Hij was veertien jaar en half oud toen hij voor acht
jaren dienst nam in de i4eafdeeling voetvolk, (13 october
1827); den 12 juni 1828 werd hij kaporaal en bekwam de
strepen van fourrier den 6 augustus daaropvolgende.Men
kent de gebeurtenissen van 1830. Den 30 november 1830
kreeg hij zijn ontslag.
2.  Dienst in het Belgisch leger :
Ingelijfd als sergeant in het bataljon der sapeurs voor
zes jaren, werd hij den 11 mei 1832 verheven tot den
-ocr page 20-
8              Gerote Deel. — TFtoeeDe Eoofbjütufc.
graad van sergeant-majoor en den 6 december 1833 werd
hij adjudant-onderofficier.
Beiletable was vier-en-twintig jaar oud toen hij onder-
luitenant benoemd werd bij de sapeurs (14 junij 1837).
Hij was met dezen graad bekleed toen hij in 1844 het
genootschap der Heilige Familie stichtte ; den 26 decem-
ber daaropvolgende werd hij luitenant bij het geniekorps.
Eindelijk den 27 februari 1852 mocht hij aan zijne vrouw
en kinderen zijne benoeming van kapitein aankondigen.
Hij had zijn veertigste jaar bereikt. Hooger zou hij op
aarde niet klimmen, maar God vereerde hem drij jaren
later met de kroon der onsterfelijkheid.
II. De Christen.
Wij hebben gezien hoe Beiletable door natuurlijke be-
gaafdheden rijkelijk bedeeld en wondergoed geschikt was
om een duurzaam werk te stichten. Doch hetgeen de
genade aan die natuurlijke talenten tot bovennatuurlijke
vruchtbaarheid moet bijzetten, ontbrak hem. Hij had zijn
geloof wel niet verloren ; maar sedert jaren vervulde hij
zijne christene plichten niet meer. Hij had dus bekeering
noodig, en ziehier hoe de Hemel er in voorzag. — Het
was in 1840: Beiletable bewoonde Luik sedert twee jaren.
Op zekeren dag dat hij de steile Pierreuse-straat opsteeg,
ontmoette hij den pastoor van Sinte-Margariet. Het be-
vallig en innemend voorkomen van dien eerbiedweerdi-
gen priester trof hem, en boezemde hem zulk vertrouwen
in dat hij bij zich zelven zeide: Dat is de man aan wien
ik weleens mijne generale biecht zou willen spreken.
Eenigen tijd daarna werd een zijner wapenbroeders ge-
vaarlijk ziek. Beiletable die hem geerne had doen berech-
ten, ging zelf naar zijnen pastoor van Sinte-Margariet.
De pastoor, die aan tafel was, verliet aanstonds zijn maal-
tijd om hem te volgen. Die dienstveerdigheid, die pries-
terlijke zieleniever gingen den officier diep ter herte, en
God, van zijnen kant, beloonde weldra dat liefdewerk
van Beiletable jegens zijnen vriend. De zoete invloed der
genade deed allengskens in die rechtschapene ziel de
-ocr page 21-
»e jftichter öe.sf Genoottfcfjapsf.                9
christelijke gevoelens zijner eerste jeugd herleven. Het
gedacht van zijne gewetenszaken in orde te brengen ver-
liet hem niet meer. Tot hiertoe, gelijk hij zelf bekende,
had hij de priesterlijke zelfopoffering niet weten te waar-
deeren, — en zijn voornemen om zijne biecht te spreken
gaf hem nu de gelegenheid den iever van den goeden
pastoor van Sinte-Margariet op eene tweede proef te stel-
len. Hij begaf zich dan naar de pastorij op een uur dat
hij den pastoor met werk overlast wist, op voorwendsel
dat een andere zieke soldaat terstond eenen biechtvader
vroeg. Op staanden voet is de priester bereid om hem te
volgen, doch Belletable houdt hem tegen,zeggende: <& Die
zieke, mijnheer, ben ik, en voorzeker gist gij wel dat het
mijne ziel en niet mijn lichaam is die genezing noodig
heeft. » De onderhandeling duurde geruimen tijd... Bel-
letable was bekeerd. Doch, gelijk hij later bekende, was
het niet zonder veel gebeden te hebben dat hij eindelijk
den moed gevonden had om zijn hert aan eenen priester
te openen (*).
In 1841 stelde de nieuwbekeerde zich onder het geleide
van den E. P. Dechamps, die hem te Luik in het klooster
een retret liet doen. Het was in die heilzame eenzaam-
heid dat hij die manhaftige onverschrokkenheid putte
waarmede hij voortaan het menschelijk opzicht wist
onder de voeten te treden, en de knevelarijen welke zijne
godsvrucht hem van wege zijne kameraden en oversten
op den hals haalde, heldhaftig te verdragen. Het was ook
daar dat hij den Goddelijken Zaligmaker in het Sacrament
zijner liefde beter leerde kennen, en vuriger beminnen.
Ook werd deze devotie als de zeilsteen zijns herten : het
gebeurde hem dikwijls zich in de kerken te laten insluiten,
om beter zijne devotie te kunnen voldoen : daar bleef hij
gansche uren voor het Tabernakel op den vloer neerge-
knield ; daar vervulde hij zijn hert met zoo groote liefde
1. Deze omstandigheden heeft Belletable zelf aan zijnen vriend den
E. P. Marin, Redemptorist, medegedeeld. De E. P. Debongnie had ze
ook vernomen van den E. H. Delruelle. Deken van Hoei, aan wien de
officier ze eigenmondig had verhaald. Zij zijn insgelijks bevestigd ge-
worden door eenen zijner wapenbroeders, die gelijk hij, bekeerd zijnde,
zich in 1864 in het genootschap der Heilige Familie te Antwerpen liet
opschrijven.
-ocr page 22-
io           eerste Deel. — TtoeeDe Koofbtfruft.
tot Jezus dat het in zijne gesprekken en brieven door-
straalde. Het was hem zoo pijnlijk te zien hoe een God,
voor ons mensch geworden, door het meestendeel der
menschen als een onbekende God in onze kerken verlaten
is. De Voorzienigheid bereidde alzoo klaarblijkend dien
dapperen Christen tot het groote werk dat Zij hem
weldra ging ingeven.
Belletable bleef gansch zijn leven eene vurige liefde
voor zijn Werk behouden en eenen onvermoeibaren iever
om het overal door nieuwe instellingen te verspreiden.
Zijne vrienden van Luik hielden hem geregeld bekend
met al wat hunne vergadering betrof. Geraadpleegd zijnde
nopens de inwendige verordening der Heilige Familie,
schreef hij aan den E. P. Schwing, Bestierder in 1845 :
« Mijns dunkens zou men afdeelingen moeten maken, elke
van 24 leden, met eenen Prefekt aan hun hoofd. De 24
leden zouden zich in drij rijen plaatsen. Iedere afdeeling
zou eenen stoel wijd vaneen gescheiden zijn, en in die
tusschenruimte zou de Prefekt moeten plaats nemen, om
alzoo zijne afdeeling in het oog te houden, en er van tijd
tot tijd aan den Bestierder rekening over te geven. »
Terwijl onzeedelmoedige officierte Bergen in garnizoen
was, woonde zijne jonge familie teZoniën waar hij ze iedere
week ging bezoeken. Het is daar dat hij kennis maakte
met den E. P. Marin (die alsdan seminarist was), hem in
het genootschap deed opnemen, en een diploom van
Luikbezorgde(\').Iederenzondagwoonde hijin schitterend
uniform de Hoogmis bij. Te Bergen zag men hem dikwijls
met eenen pater Redemptorist of met den ahnoezenier
des legers. Dat zijn twee uniforms die goed te zamen
gaan, bemerkte een voorbijganger. Te Brussel had hij in
1850 het geluk van iederen maandag de Vergadering in
onze Magdalenakerk te kunnen bijwonen. De bediende
eener parochiale kerk te Brussel vroeg eens aan een
deelgenoot der Heilige Familie wie toch die brave officier
mocht zijn dien men iederen morgen zoo ingetogen in de
kerk zag. — Hij communiceert dikwijls en schijnt zoo-
danig in het gebed verslonden, dat men niet zou kunnen
zeggen of het een levend mensch of een standbeeld is.
Na zulke getuigenis zal men niet verwonderd zijn over het
-ocr page 23-
»e £tfcf)trr öe£ Genootschap^,              n
volgende voorval, door Belletable zelf aan Pater Marin
verteld.
Op zekeren zondag, na den dag met zijne vrouw en
kinderen doorgebracht te hebben, kwam de luitenant
naar Brussel terug. Op de Konings\' plaats kwam een
slecht vrouwspersoon hem eenen schandigen voorstel
doen. Voor antwoord schupte de officier dat vuil schepsel
uit den weg en begaf zich naar het Paleis der Academiën,
waar hij zijn kwartier had.
Reeds van in 1848 had Belletable er aan gedacht sol-
daten afdeelingen in de Heilige Familie in te voeren, en
daar hij voorzag dat er hem door zijne overheid persoon-
lijke moeielijkheden zouden gemaakt worden, was hij van
zin aan den minister van oorlog de toelating te vragen, om
de soldaten in een bijzonder lokaal (in de Sint-lans
kerk te Luik ) te vereenigen. Daar zouden zij bijzondere
en doelmatige onderrichtingen ontvangen. Doch dit ont-
werp werd niet ten uitvoer gebracht.
Ieder jaar kwam de stichter der Heilige Familie naar
Luik, om de verjaring der instelling des Genootschaps te
vieren. Hij had den titel van Algemeene Eer-Prefekt
aanveerd; Hacken bekleedde het ambt van Algemeen
Prefekt, en Jongen was Prefekt der eerste afdeeling.
In 1852 genoot hij den troost de vergadering der
Heilige Familie te Roermond bij te wonen: deze was eene
der eerste die in zijn vaderland gesticht werden.
Hoe vurig Belletable den voortgang en de uitbreiding
zijns werks ook behertigde, was zijn iever daarom toch niet
uitsluitend: men zag hem ook krachtdadig bijdragen aan
de stichting en ontwikkeling der Conferentiën van den
H. Vincentius a Paulo; in de steden waar hij verbleef
wist hij bij de aanzienlijkste personen voor de armen ten
beste te spreken, de voortreffelijkheid der Conferentie te
doen gelden, en onvermoeibaar aan hare inplanting te
arbeiden.
1. De E.P.Marin, Redemptorist in het Magdalenaklooster te Brussel,
heeft den diepsten eerbied voor den stichter der Heilige Familie be-
waard. Hij werd later door zijne oversten met het bestier dier bloeiende
en vurige vergadering belast, en komt zijn Jubelfeest van 25 jaar bestie-
ring te vieren.
\'
-ocr page 24-
i2            Gerote Deel. — TFtuee&e Eoofbjftufi.
Een zoowel besteed en zoo vruchtbaar leven zou men
nog lang hebben willen zien voortduren. Helaas! Belle-
table\' s gezondheid begon te verzwakken. Met de hoop
van zijne krachten te herstellen had hij de plaats van
bevelhebber over het kasteel van Hoei gevraagd. Daar
zou hij zijne talrijke familie kunnen bij zich nemen ; het
viel hem immers zoo pijnlijk het gezelschap der zijnen
te moeten derven. Maar God had er anders over beschikt.
De verzwakte kapitein mocht zijne krachten te Hoei niet
wedervinden, noch de zoetheid van het familieleven
smaken. — Hij zou te midden der beproevingen eener
pijnlijke ziekte,meteen waar christelijk geduld verdragen,
de kroon verwerven die God zijnen getrouwen dienaar
had weggelegd.
Ziehier hoe de weerdige priester die hem in zijne laatste
dagen bijstond, ons dien laatsten strijd beschrijft.
«De hertziekte, waaraan die goede vriend sedert twintig
jaren leed, had zoo zeer toegenomen, dat alle hoop van
genezing verloren was. Dank aan zijne zielskracht, wor-
stelde hij kloekmoedig tegen ijselijke en aanhoudende
pijnen, zonder iets van zijne geestelijke oefeningen achter
te laten. Dagelijks hoorde hij de Mis van zeven ure en
des Zondags de Hoogmis. Hij communiceerde geregeld
drij maal ter week. Het was een schoon en stichtend
schouwspel dien kapitein, met de armen op de borst ge-
kruisd, met statigen tred en diepe ingetogenheid tot de
H. Tafel te zien naderen. Doch weldra moest die held-
haftige Christen, op een bed van smerten uitgestrekt,
zich Mis en Communie ontzeggen. De dood, die
met snelle schreden naderde, vond hem volkomen aan
den Goddelijken wil overgegeven. Zijne ademhaling werd
immer pijnlijker, aanhoudende verstikkingen maakten
hem het liggen onverdragelijk, en noodzaakten hem dag
en nacht in eenen zetel door te brengen. Zijn einde ziende
naderen, vroeg hij mij zijne biecht te willen hooren, en
hem, zonder uitstel, de laatste Sacramenten toe te dienen.
«Toen ik met het H. Sacrament terug kwam, vond ik
bij hem zijnen vriend den kolonel N., commandant van
het Genie te Luik, en den majoor Graaf de V. plaatscom-
mandant van Hoei. Zoodra de zieke zijnen God zag
-ocr page 25-
»e jtftirfjter De$? Genont.srljapji?.               13
naderen, deed hij eene poging om te knielen ; maar
zijne krachten verrieden hem,en hij moest eenen oppasser
en den portier van het kasteel te hulp roepen. « Houdt
mij van weerskanten onder de armen, zeide hij, ik wil
mij op de knieën zetten. » Vervolgens, ziende dat, met
zijn linnen te verschoonen, men hem zijnen scapulier had
ontnomen : « Geef mij mijnen scapulier », zeide hij met
nadruk,« daar zonder communiceer ik niet ».Nooit zal ik
het hertroerend schouwspel vergeten waarvan ik toen ge-
tuige was. Een kapitein neergeknield, met de armen op
zijne benepen borst gekruist, in aanbidding voor zijnen
God,dien hij op zijne stervende tong ging ontvangen : aan
zijne zijde, een majoor en een kolonel die weenden van
aandoening. Ik was zelf diep bewogen : langzaam diende
ik den stervende de laatste HH. Sacramenten toe, welke
hij met de teederste godsvrucht ontving. Toen ik
eindelijk de H. Ciborie verhief om de aanwezigen te
zegenen, hoorde ik hem met hertscheurende stem uitroe-
pen : « O mijn Jezus, o mijn Jezus, ik smeek u, heb mede-
lijden met mijne vrouw en mijne arme kinderen.» Dit waren
zijne laatste woorden. Kort daarna kwam men mij zeggen
dat hij in eene verstikking versmacht was. »
Alzoo stierf den 5 december 1855, in den ouderdom
van 43 jaren, die kloeke soldaat en die vrome christen.
Tot zijnen laatsten snik toonde hij een levendig geloof,
eene heldhaftige verduldigheid, eene vurige liefde tot
Jezus Christus en eene teedere godsvrucht tot de Aller-
heiligste Maagd Maria.
Zijn grafsteen, op het kerkhof van Hoei, draagt het vol-
gende opschrift :
Ter gedachtenis van Hendrik Belletable,
Kapitein van het Genie, stichter der Heilige Familie,
Geboren te Venlo den 8 april 1813,
Overleden te Hoei den 5 december 1855.
f Nederland was België reeds voorgegaan om hem in
zijne vaderstad, een praalgraf op te richten. In oc-
tober 1882, ter gelegenheid van een Congres dat in
Venlo de voornaamste nederlandsche bestierders en
-ocr page 26-
i4          Gei>Jte Deer. — Ttoceöe Boofötftuft.
beambten der Heilige Familie vereenigde,werd dit gedenk-
stuk,door openbare onderschrijvingen bekostigd, plechtig
ingewijd. Dien dag was de Sint-Martenskerk, waar het
monument is opgericht, te klein om de toegesnelde
menigte te bevatten. Men telde er met honderde priesters
en leeken van heinde en verre toegeloopen, met de me-
dalie der Heilige Familie op de borst, om aan de ge-
dachtenis van den dapperen Christen eene laatste hulde
te bewijzen.
Het praalgraf is in witten steen uitgebeiteld volgens de
teekening van den amsterdamschen bouwmeester Cuy-
pers, en verbeelt den kapitein met gevouwene handen
op een kussen neergeknield, voor het altaar van Jezus,
Maria en Jozef. De H. Keizer Henricus, zijn patroon,
staat aan zijne zijde en houdt hem eene beschermende
hand op den schouder.
-ocr page 27-
^^IkSkSkSkSkSkSkSkS^kSkSkSkSkSkSkSks
ï DERDE HOOFDSTUK.
i| Oprechting en inrichting der |f
%
            Heilige Familie.            §C
OMEN wij nu tot ons Genootschap terug. De
Paters Redemptoristen hadden eindelijk het
vurig verlangen van Belletable ingewilligd,met
aan het Werk een doelmatiger lokaal toe te
staan. De E. P. Dechamps had zich tot Monseigneur Van
Bommel, Bisschop van Luik gewend, en daardoor waren
alle haperingen opgeheven. Zoodra deze uitmuntende
Kerkvoogd vernomen had dat eenige luiksche werklieden
dit godvruchtig werk hadden begonnen, spoorde hij, vol
vreugd, den E. P. Rector aan om zonder uitstel die
schoone Instelling te behertigen en bevool hem zelfs stel-
lig een werk dat zoovele vruchten van heil en zaligheid
beloofde op alle mogelijke wijzen te begunstigen.
De E. P. Schwing werd aan het hoofd gesteld. Dank aan
zijne wijze en ievervolle bestiering, werden de leden zoo
talrijk dat de bidplaats van den H. Alfonsus weldra te
klein werd, en de Paterskerk hun voor goed tot vereeni-
gingsplaats werd toegestaan. lederen maandag deed de
P. Bestierder zijne toehoorders eene eenvoudige onder-
richting, van uit het voorkoor nevens een beeld van den
H. Jozef op een verschuifbaar pedestaal geplaatst:
men sloot de Vergadering met het avondgebed en een
gezang. In het begin gaf de Pater den zegen eenvoudig
met zijn kruisbeeld, maar van in september 1845 stond
Monseigneur de Bisschop toe de benedictie met hel Aller-
heiligste te geven.
Alzoo begon zich een der schoonste opvattingen van
den H. Alfonsus te verwezenlijken, het hem zoo dierbaar,
en door hem te Napels zoo ievervol verzorgde Werk der
Kapelle?i.
Het waren de kinderen zijner teergeliefde
Congregatie die door de Voorzienigheid belast werden om
door de Heilige Familie deze zoo verdienstige Instelling
overal te verspreiden.
-ocr page 28-
i6           eerste öeeL — Derde Hoofbarufi.
Te Luik groeide het pas geplante boompje weelderig op.
De Vergadering telde reeds meer dan honderd leden.
Monseigneur Van Bommel deed zich nauwkeurig over
haren voortgang berichten en van het begin van januari
1845 belaste hij den E. P. Rector hem een reglement voor
te stellen dat hij persoonlijk wilde maken. Dit regie-
ment keurde hij den 13 februari goed, alsook de aanroe-
ping van Jezus, Maria en Jozef bij wijze van Litanie. Het
eerste artikel bepaalt aldus het doel des Werks. « Deze
Vergadering in de kerk der patersRedemptoristen(O.L.V.)
te Luik opgericht, heeft voor doelwit de Heilige Familie
te vereeren en geestelijke hulpmiddelen te verschaffen
aan het zoo dikwijls vergetene en nochtans zoo dierbaar
gedeelte des menschdoms,te weten aan de werkende k/as.»
Op deze voorloopige goedkeuring volgde weldra het
merkweerdig gedenkstuk van den 7 april 1845, waar-
door, bij bisschoppelijke macht, het Genootschap der
Heilige Familie plechtig werd ingericht.
Zij die Monseigneur Van Bommel gekend hebben, en
zich herinneren met welke majesteit hij de kerkelijke
plechtigheden wist op te luistereri,zullen zich niet verwon-
deren dat hij die solemneele oprechting door zijne tegen-
woordigheid heeft willen verheffen. Die heugelijke dag
was ook bepaald voor de Opdracht van de 116 eerste leden
der Heilige Familie. Het was waarlijk een schoon feest,
wiens gedachtenis onuitwischbaar is gebleven in het hert
van al degenen die het geluk gehad hebben er aan deel
te nemen.
Het Genootschap had nu zijn kerkwettig bestaan be-
komen, en zich luisterlijk in het openbaar bevestigd :
ook nam het van toen af zoo spoedig toe dat op korten
tijd het getal zijner leden verdubbeld was : ook was men
nu voornemens het plan van Belletable nopens de afdee-
lingen in voege te brengen.
Den 26 januari 1846 werd de Vergadering verdeeld in
17 afdeelingen, iedere van 25 man : er werd vastgesteld
dat de Prefekten op zekere dagen zouden bijeen komen
om verslag te geven over de afdeelingen aan hunne zorg
toevertrouwd.
Deze verordening bracht veel bij tot den voorspoed der
-ocr page 29-
Oprec&tfnrj en fnrtcfjtina Der Eettfge Famflfe. 17
Heilige Familie. Daardoor werden de leden inniger aan
het Genootschap et met malkander verbonden; zij onder-
hield den geest van regeltucht die als de ziel van alle
genootschappen is. De vergaderingen werden daardoor
ook stiptelijker bijgewoond, wijl ieder het zich ter eere
rekende de vaste plaats die hem was aangewezen nooit
ledig te laten.
Dat de lezer ons hier eene kluchtige en tevens nuttige
uitweiding toelate.
In januari 1868 stelden de Redemptoristen van Ierland
de Heilige Familie in hunne kerk van Limerick in. Dank
aan eene groote Missie, die zij in de stad kwamen te
preeken, lieten niet min dan 1600 leden zich inschrijven.
Elders had men het maar slecht durven wagen, een zoo
talrijk leger aan de verordening van Belletable te onder-
werpen. Maar wie kent het stalen karakter der Ieren
niet ? Laat die mannen maar begaan, zij weten wat al
voordeden eene sterke regeltucht aan een genootschap
bijbrengt. Ook zullen zij, op gelijken stap, al die man-
schappen in hunne gelederen weten te houden.
Doch laat ons den Rector, Pater Bridgett, zelf ver-
halen, wat al moeielijkheden hij moest te keer gaan.
«Eene eerste zwarigheid ontstond uit het groot getal
leden die denzelfden naam droegen. Ik vind aan de letter
K 39 Kellys, 35 Kennedys, 12 Kennys, en 8 Kennelys.
Welke verwarring, wanneer die namen in eene groote
kerk vol volk moeten afgeroepen worden! Aan de letter
M vind ik 99 Mac\' Namaras. Verbeeld u het schouw-
spel dat onze eerste vergaderingen moesten opleveren,
om aan ieder lid zijne plaats aan te wijzen. Ik moest
eenen zekeren Mac\' Namara in de afdeeling van den H.
Brendan plaatsen. Ik roep met luider stem:Mac\' Namara.
Honderd stemmen roepen te gelijk: Hier,pater;en honderd
man staat recht. — Ik herneem : Mac\' Namara Patrick;
50 zitten neder, en 50 roepen : Hier, pater. — Ik ga
voort: Mac\' Namara Patrick, kleermaker; 25 zitten neder,
en 25 antwoorden : Hier, pater. — Eindelijk zeg ik :
Mac\' Namara Patrick, kleermaker, die straat, die n°, en
alzoo houd ik eindelijk mijnen man die, door de lachende
menigte heen, de hem aangewezene plaats gaat bekleeden.
Aartsbroederschap der H. Familie.                                                      a
-ocr page 30-
18            eerste Deel. — »erOe Eoofbtftufc.
Deze eerste rangschikking was zoo moeielijk, dat ik er
drij of vier vergaderingen moest aan besteden en ze tot
tien en elf uren \'s avonds voortzetten.»
En wat voordeel is daarin gelegen ? zal de lezer mis-
schien vragen ? Wat voordeel? Dat de Heilige Familie
van Limerick heden bij de zes duizend leden telt, die
in twee verdeelingen gesplitst zijn, eene die \'s maandags
en de andere die \'s dinsdags vergadeit, en beiden in de
grootste orde gerangschikt zijn.
Doch komen wij naar Luik terug. In meert 1846, werd
het eerste retret gegeven aan de reeds ingelijfde en de
bijtredende leden. Op den dag der sluiting naderden
400 man tot de H. Tafel, en \'s anderdaags deden 235
nieuwe leden hunne opdracht. Monseigneur Van Bommel
wilde zelfde plechtigheid komen voorzitten : in hertelijke
en vurige woorden wenschte hij de leden geluk, over het
goed \\ oorbeeld dat zij aan zijne bisschoppelijke stad
gaven, moedigde hen aan om met iever te volherden, en
gaf hun opnieuw de verzekering der groote belangstelling
die hij het Genootschap toedroeg. De Bisschop had zijne
aanspraak aan den voet van het Hoogaltaar begonnen ;
en zoo zeer liet hij zich door zijne welsprekendheid,
zijnen iever en zijn vaderlijk hert vervoeren, dat hij, op
\'t einde van zijn sermoon aan de Communiebank stond.
\'WW:
-ocr page 31-
1 VIERDE HOOFDSTUK.
J Bijval en beproeving. 1846. K
ET jaar 1846 staat ten eeuwigen dage in de
Annalen der kerk van Luik in gouden letters
aangeboekt. Aan de aloude Sint Lambertus
stad was, in 1246, het voorrecht te beurt
gevallen, de eerste in de katholieke wereld, het feest van
het Allerheiligste Sacrament te mogen vieren. Dit jaar
vierde men het zes honderdjarige jubelfeest van die heuge-
lijke plechtigheid.
Monseigneur Van Bommel wilde aan dit jubelfeest
den grootsten luister mogelijk bijzetten. De veimaardste
predikanten werden uitgenoodigd. Men zag beurtelings
Lacordaire, Dupanloup, Ravignan en Dechamps, den
kansel der Cathedraal, en der Sint-Martens kerk beklim-
men.
Het is buiten ons besttk hier die feestelijkheden te
beschrijven, wij willen slechts herinneren, hoe voortreffe-
lijk de Heilige Familie er deel aan nam.
De Bisschop had al de Broederschappen der stad uit-
genoodigd, om stoetsgewijs aan de groote Jubelprocessie
deel te nemen. De drij, vier honderd leden der Heilige
Familie, met versierde flambeeuw in de hand, gingen
deftig en ingetogen, al biddend en zingend vooruit.
Het was voor de eerste maal dat het de stad Luik
gegeven was, het schoon en stichtend schouwspel te
kunnen bewonderen, van een zoo groot getal mannen die
het menschelijk opzicht trotseerden en zich gelukkig
achtten hun geloof jegens het Allerheiligste Sacrament
en hunne verkleefdheid aan de Heilige Familie in het
openbaar te kunnen toonen. Iedereen kon nu ook den
bloei en den vooruitgang des Genootschaps bestatigen.
Doch de beproeving, die het kenmerk is waarmede de
Voorzienigheid hare werken bestempelt, mocht ook aan
het Genootschap niet ontbreken. Een aantal leden, ziende
-ocr page 32-
2o         eerste beel — VierDe Booftwuft,
dat de Heilige Familie door sommigen bespot en tegen-
gewerkt werd gaven den moed op; anderen spraken van
hun ontslag te geven indien men hun aan de processie
wilde doen deel nemen, op voorwendsel dat zij in het
Genootschap gekomen waren alleenlijk om te bidden en
niet om zich openbaar in de straten te toonen. Verschei-
denen dus bleven achter. Het woord van den H. Paulus
werd ook voor het nog jonge Genootschap verwezenlijkt :
Intus pugnce, foris timores (II Cor., 7, 5): Van binnen
strijd, van buiten vrees. Men zegt zelfs dat een oogenblik
de zaken zoodanig dooreenliepen, dat de Bestierder al
zijne voorzichtigheid moest in\'t werk stellen om alles niet
te zien in duigen vallen.
En wie zou zich daarover kunnen verwonderen?Zonder
strijd, geen zegepraal : De Kerk strijdt sedert negentien
honderd jaren ;geen rozen zonder doornen. — De dorsch-
vleugel moet het kaf van het graan scheiden; het goud moet
in den smeltkroes gelouterd worden. Door kappen en bijte-
len wordt de vormlooze blok een sierlijk standbeeld. De
wijngaard moet gesnoeid worden om druiven voort te
brengen. — En indien God kastijdt die hij bemint, hoe
zou hij dat Genootschap niet beproeven, dat hem zoo
dierbaar is als de appel zijner oogen, en waarop hij het
bevruchtend woord : Groeit en vermenigvuldigt ging
doen nedervallen, om tot het uiteinde der wereld vruchten
van heil en zaligheid te verspreiden? Bekommeren wij ons
dus niet over die beproevingen, die overigens nog niet ten
einde zijn.
De Heilige Familie werd in dit eerste tijdstip hevig
aangerand door de vijanden van onzen heiligen Gods-
dienst. De vrijdenkers konden niet verkroppen, dat een
mannengenootschap zijne godsdienstige en echt katho-
lieke gevoelens in klaren dag durfde ten toon spreiden.
Het was dus voor hen een nieuwen vijand meer te be-
strijden, en zij bleven aan dien helschen strijd niet te
kort; zij lieten niet na de Heilige Familie te beschimpen,
te bespotten, te belasteren en haar in het geheim en in
het openbaar aan te vallen. De werklieden die er deel van
maakten, werden door hunne medegasten en hunne bazen
geplaagd en verdrukt; aan anderen werd door hunne
-ocr page 33-
Bijbal en c e pro eb ing.                       21
meesters de keus gelaten, ofwel hun werkhuis, ofwel
het Genootschap te verlaten. Men ging zelfs zoover, d?t
een diefstal in de Sint-Martens kerk gepleegd, aan de
leden der Heilige Familie werd ten laste gelegd : doch
de Voorzienigheid beschaamde weldra die valsche be-
tichters, met den plichtige, die geenszins tot het Genoot-
schap toebehoorde, te doen ontdekken.
De storm versterkte Gods werk,- en deed den boom
der Heilige Familie diepere wortelen schieten en zijne
takken weelderiger uitspreiden. In het Handboek van
1847, vinden wij een aantal eereleden die het zich ten
plichte rekenden, een openbaar bewijs hunner goed-
gunstige toegenegenheid aan het Genootschap te geven.
Ziehier eenige namen dier eerelijst.
Beschermer : Monseigneur Cornelius Richardus Anto-
nius Van Bommel, bisschop van Luik.
Eereleden : Monseigneur de Graaf de Mercy d\'Argen-
teau, aartsbisschop van Tyr.
Mgr Neven, vicaris-generaal.
De Z. Eerw. Pater Fred. von Held, provinciaal der
Redemptoristen.
De Eerw. Pater Kaltenbach, rector van het klooster van
Luik.
M. Gotale, president van het Groot-Seminarie te
Luik.
M. Lovens, pastoor-deken van Sint-Banholomeus te
Luik.
M. Habetz, pastoor van het H. Kruis te Luik.
M. Hendrik Belletable.
Bovendien werden meer dan vijftig Eereprefekten op
de lijsten des Genootschaps ingeschreven, waaronder
men de namen vindt der aanzienlijkste katholieke
Luiksche familiën.
Eindelijk, den 23 meert 1847, m de tegenwoordigheid
van Monseigneur den Bisschop, wijdden zich 258 nieuwe
leden aan Jezus, Maria, Jozef, toe. Dat is het grootste
getal dat men tot hiertoe in eene opdracht bereikt
heeft.
-ocr page 34-
VIJFDE HOOFDSTUK.
Het Genootschap wordt tot
Aartsbroederschap verheven.
• !•          •!•___ 1 Q/,7 ___•!
1847.
•(•
-I-                 •!•                 * w * * "                \'I
I ET Genootschap der Heilige Familie kon zijnen
werkkring bij de stad Luik alleen niet bepalen.
Monseigneur Van Bommel voorzag dat dit
zooveel belovend werk door de Voorzienigheid
bestemd was om in de toekomst veel goeds te stichten.
Reeds lang had hij de hoop gekoesterd iets in te stellen
om het geestelijk en zedelijk welzijn der werkende klas
te bevorderen, en daar hij in ons Genootschap de verwe-
zenlijking zijner plannen erkende, wilde hij hetzelve door
de pauselijke oppermacht doen bekrachtigen. Hij maakte
dan een verslag op dat hij naar Rome zond, en waarin hij
de heilzame uitwerksels der Heilige Familie in zijne bis-
schoppelijke stad deed gelden. Pius IX keurde het
Genootschap goed, verhief het tot de weerdigheid van
Aartsbroederschap met de volmacht om andere G-;noot-
schappen onder denzelfden titel en hetzelfde doelwit op te
nemen, en verrijkte het met menigvuldige aflaten ( Breve
van den 20 en 23 april 1847).
Den 5 juli daaropvolgende werden deze Breven afge-
kondigd met eene plechtigheid die de gansche wijk der
Paters Redemptoristen te Luik in opschudding bracht.
De E. P. Pater von Held (*), Provinciaal, wilde in die
omstandigheid de schoone godsdienstplechtigheden die
hij eertijds in zijne vaderstad had bijgewoond, in de
paterskerk doen herleven. Hij die nochtans vijandig was
aan alle wereldsche pracht, wilde deze feestelijkheid door
1. De Z. E.P. Frederik von Held, zoon vanden ridder des Keizerrijks,
Michiel, werd te Brünn, bij Weenen, geboren den 17 juli 1799. Na schit-
terende studiën in de universiteit van Weenen, werd hij Redemptorist,
deed zijne geloften den 2 augustus 1821, en stierf godvruchtig te Vaals
den 2 april 1881.
-ocr page 35-
Eet <5moot£. toarDt tot HactBöroeDer^. oerheben. 23
een grootsch en meesterlijk orkest doen opluisteren.
Monseigneur Neven, Vikaris Generaal, bekleedde op het
hoogkoor in den naam van den Bisschop het voorzitter-
schap ; de afkondiging der breven die telkens door een
machtig en keurig muziek van het doxaal werd toege-
juicht, stemde de menigte tot eene onbeschrijfelijke
geestdrift, en liet in alle herten eenen diepen en onver-
getelijken indruk.
Pater von Held had gelijk van zooveel luister mogelijk
aan deze plechtigheid bij te zetten : hij had als het
voorgevoelen dat de Heilige Familie zich weldra de
gansche wereld door ging verspreiden, om overal wonderen
van deugd en zaligmaking te weeg te brengen.
En inderdaad, nu dat het Genootschap tot de weerdig-
heid van Aartsbroederschap was verheven kon het zich
overal vermenigvuldigen, en zijnen maatschappelijken en
geestelijken invloed doen doordringen. Immers een
Aartsbroederschap dat kerkwettig is ingesteld mag nieuwe
genootschappen van denzelfden naam en hetzelfde doelwit
aannemen en deelachtig maken aan alle de aflaten die
aan het Moedergenootschap vergund zijn (\').
Ziedaar de beteekenis dier pauselijke Breven en de
toekomst die de Heilige Familie mocht te gemoet zien.
Alzoo werd dat zaadkorreltje, door de Voorzienigheid
in den Luikergrond geworpen, een machtige en weelde-
rige boom. Een plaatselijk Werk ging nu algemeen katholiek
worden ; hetgeen in een huis, in eene bidplaats, in eene
kerk was begonnen, ging zich nu in duizende kerken
1. Ziehier wat er te doen staat om eene plaatselijke vergadering met
het Moedergenootschap te verbinden, en aan de aflaten deelachtig te
maken :
Het is volstrekt noodzakelijk dat men van zijnen Bisschop of van den
Vikaris generaal, daartoe bijzonder bemachtigd, schriftelijk bekomt:
a) de wettige oprichting des Genootschaps ; b) de toelating van het in
het Aartsbroederschap te laten opnemen; c) de goedkeuring der statuten
die voor elke vergadering vereischt zijn.
20 Deze stukken bekomen zijnde, moet men aan den Rector der Paters
Redemptoristen te Luik, Algemeenen Bestierder des Aartsbroederschaps,
eene uitdrukkelijke aanvraag van opneming doen, en hem de bovenge-
melde uitgeschrevene stukken toezenden.
Op die voorwaarden worden door hem brieven van aanneming afge-
leverd, waardoor die plaatselijke vergadering aan alle aflaten en
voorrechten deelachtig wordt.
-ocr page 36-
24          Gerote Deel. — Vijföe Eoofttftufe.
voortzetten, en het werk van drij mannen werd op vijftig
jaren het werk van vier honderd duizend personen van
alle talen, alle standen en alle landen der wereld.
Het Werk nam op korten tijd verbazend toe : In min
dan drij jaren telde het Aartsbroederschap 32 opgenomene
vergaderingen waaronder die van Doornijk, Brussel,
Namen, Verviers, Bergen, Nijvel en Sint-Truiden, Metz
in Frankrijk, Philadelphie, Detroit en Buffalo in de Ver-
eenigde Staten van Amerika.
-ocr page 37-
ZESDE HOOFDSTUK.
De afdeeling der Vrouwen.
ET godvruchtig luikervrouwvolk kon zich niet
getroosten dat het schoon Werk der Heilige
Familie de mannen alleen moest begunstigen.
G. Jongen had eene brave vrouw, die opge-
merkt had dat de pauselijke Breve van den 20 april 1847
gewag maakte « van een Genootschap van Christene
geloovigen van beide geslachten » ; ook sloeg die ware
christene huisvrouw met hare dochter Louiza en eene
vriendin, gelijk zij met eenen vurigen zieleniever bezield,
aanstonds de hand aan het werk. Op zondag 7 augustus
1847 legden deze eerste drij leden den grondslag der
Vrouwen-afdeeling in diezelfde kamer, waar drij jaar
vroeger haar man met twee medemakkers, de eerste ver-
gadering der mannen gehouden had... Zij begonnen met
den Rozenkrans te bidden, eene godvruchtige lezing te
doen, en geestelijke liederen te zingen, even als of zij reeds
talrijk waren. Den volgenden zondag kwamen er
zeven nieuwe leden bij, en eene maand later waren zij
reeds zestig in getal. Iedere zondag bracht haar nieuwe
deelgenoöten bij, zoodat het lokaal weldra te klein werd.
In de maand october vragen en bekomen zij de toela-
ting om hunne vergadering in de kerk van het H. Kruis
te houden, waar zij iederen zondag om half twee bijeen
komen. Pater Pisart werd belast met hun eene Conferen-
tie te doen. Weldra werden zij zoo talrijk dat men de
getrouwde vrouwen van de jonge dochters scheidde.
Deze vergaderden in de kapel der Carmelitersen in Potay,
waar hun ook een Redemptorist tot Bestierder werd
gegeven. Doch die tweevoudige vergadering verdubbelde
het werk, en het klooster van Luik had te weinig Paters
om aan elke afzonderlijk eenen Bestierder te geven, zoodat
de twee Genootschappen, weldra ineen gesmolten, naar
de paterskerk werden overgebracht. Het was daar dat de
-ocr page 38-
26             eerste Deel. — zetfbe Boofttftufe.
eerste opdracht plaats had op zondag 13 augustus 1848
et dat honderd vijftig vrouwen zich onder het vaandel
der Heilige Familie kwamen scharen. De mannen hielden
voortdurend hunne vergadering des maandags.
Van dit oogenblik af zag men die twee afdeelingen in
godsvrucht, vurigheid en getrouwheidwedijveren.Zij waren
beiden aan hetzelfde reglement onderworpen, ofschoon
elk een afzonderlijken Bestierder had, om door raad en
daad zijn volk op den weg der zaligheid voort te helpen.
Het tweede jaar telde de afdeeling der vrouwen reeds 370
leden en na de volgende opdracht in 1850 overtroffen
zij reeds de mannen in getal, en klommen tot 750 deel-
genooten.
Vijtig jaren zijn vervlogen sedert dit heugelijk tijd-
stip, en de afdeeling der vrouwen zoowel als die der man-
nen, is nog altijd met denzelfden iever bezield. Nooit zijn
zij min dan 900 in getal geweest, zooveel als de kerk er
gevoeglijk kan bevatten. De vergadering der vrouwen is
in 31 afdeelingen verdeeld, waarvan er twee een Zangge-
nootschap uitmaken dat schoone en talrijke stukken
bezit. In 1869 vierde de Heilige Familie haar zilveren
jubelfeest waaraan, dat spreekt van zelfs, de vrouwenaf-
deeling gulhertig deel nam. Acht dagen lang hadden er
bijzondere predikatiën plaats, en de kerk was alle morgen
en alle avonden proppend vol. Den laatsten dag was er
eene schoone generale communie waaraan 937 leden
deel namen, en die ook edelmoedig wilden bijdragen om
de kosten der versieringen te dekken.
In augustus 1883 vierde de E. P. Fery zijn vijf en
twintigste jubeljaar als Bestierder der Heilige Familie
der vrouwen : dit feest werd door een heerlijk zangstuk
opgeluisterd, en de 31 Prefekten kwamen beurtelings aan
den gevierden Jubilaris een fraaien bloemtuil opdragen.—
De geheimschrijfster drukte in warme en keurige woorden
hare dankbaarheid uit, en de gansche Vergadering bekos-
tigde een kunstig gedreven koperen tabernakel om ten
eeuwigen dage het altaar der Heilige Familie te ver-
sieren. En toen in 1888 dezelfde Bestierder zijn gouden
priesterlijk jubelfeest vierde, werd hem nogmaals eene
ciborie van 500 franken opgeofferd.
-ocr page 39-
De afDeelina öcr Vroutoen.               27
Het Lieve Vrouwbeeld voor hetwelk Jongen en zijne
twee medemakkers in 1844 hunne eerste vergaderinghiel-
den, en dat thans in de kerk der Redemptoristen te Luik
vereerd wordt, is ook eene gift van twee vrouwen der
Heilige Familie. Jongen had dit beeld zelf verveerdigd
om zijne dochter te believen die een beeld verlangde dat zij
naar lust kon kleeden. Een Pater Redemptorist vond
over vijfjaren in de jaarboeken der Heilige Familie dat
dit beeld in de jubelfeesten van 1869 eene eeieplaats
bekleed had: hij ondervroeg dan den braven ouden
Jongen zelf en vernam van hem dat dit beeld zich bij
de Zusters der Bermhertigheid bevond, waar zijne dochter
was religieuze geworden. Deze Zusters zijn zoo goed
geweest het aan de paterskerk te schenken. Een lid der
vrouwenafdeeling deed voor het Beeld een rijk blauw
satijnen kleed met gouden borduursel maken, en eene
andere gulhertige deelgenoote bekostigde eene prachtige
vergulde nis met twee luiken, waaronder het volgende
opschrift te lezen staat: Lieve Vrouwbeeld voor hetwelk
de eerste vergaderingen der Heilige Familie gehouden
werden in 1844..
-ocr page 40-
| ZEVENDE HOOFDSTUK. Ë
J Statuten en vergaderingen der |j
J
              Heilige Familie.             K
I. De Statuten.
E Statuten of Regels der Heilige Familie wer-
den goedgekeurd door Zijne Hoogw. Mon-
seigneur Van Bommel, den 28 juli 1850, en
door Zijne Hoogw. Monseigneur de Mont-
pellier, zijnen opvolger den 21 october 1875.
Ziehier die Regels gelijk zij in het Handboek staan, bl.
ï53(\')-
I.   Het doel van het Aartsbroederschap is de Heilige
Familie Jezus, Maria, Jozef te vereeren en aan de
geloovigen van beider geslacht, van allen ouderdom en
van allen stand, maar bijzonder aan de werkende klas,
krachtdadige middelen te verschaffen om met zekerheid
den weg der zaligheid te bewandelen.
II.  De middelen welke door het Broederschap worden
aangewend om dit edel en nuttig doel te bereiken zijn :
het gebed, de prediking van het woord Gods en het dik-
wijls naderen tot de heilige Sacramenten.
III.   Het Aartsbroederschap is gesteld onder het gezag
en de bescherming van Zijne Doorluchtige Hoogweer-
digheid den Bisschop van Luik. De andere Broeder-
schappen die er worden in opgenomen, zijn gesteld onder
het gezag en de bescherming van den plaatselijken
Bisschop.
IV.  De Rector der Paters Redemptoristen te Luik, is
1. Deze Regels behelzen de hoofdstof en den vorm van alle andere
Broederschappen, die in het Aartsbroederschap willen opgenomen wor-
den. Nochtans raag men ze, met goedkeuring van den Bisschop,
veranderen en schikken volgens de omstandigheden der plaatsen en der
personen. Het is genoeg dat men denzelfden naam en hetzelfde doel
behoudt: Ejusdem nominis et instituti. (Breve van den 23 april 1847.—
Constitutie van Clemens VIII, 7 december 1694).
-ocr page 41-
.Statuten en toenaderingen Der Eeiü\'ge Bamftie. 29
voor altijd de Algemeene Bestierder van het Aartsbroe-
derschap. De Rector van het klooster waar zulk Broeder-
schap bestaat is van rechtswege de Bestierder, maar hij
mag eenen anderen Pater in zijne plaats aanstellen. In
andere gewesten waar het Broederschap is ingericht,
wordt het bestierd door den Heer Pastoor, of door
eenen anderen priester van den Bisschop goedgekeurd.
V.   Elk Broederschap is verdeeld in afdeelingen be-
staande in een zeker getal leden (vijf-en-twintig ten hoog-
ste) volgens de plaatsen. Elke afdeeling is gesteld onder
de bescherming van eenen heiligen patroon (\').
VI.  Aan het hoofd van iedere afdeeling staat een
Prefekt, gekozen door den Bestierder. De Prefekt
moet eenige plichten vervullen van liefde en zorg jegens
de leden hem toevertrouwd...Aan den Prefekt wordt toe-
gevoegd een Onderprefekt die in dezelfde afdeeling wordt
gekozen. Hij is verplicht den Prefekt bij te staan en hem
te vervangen in geval van afwezigheid (2).
VIL De Bestierder van het Broederschap kiest ook
nog onder de leden een of meer Secretarissen, alsook
andere beambten welke voor het Broederschap mochten
noodig zijn.
VIII.   De leden van het Broederschap der Heilige
Familie komen eens in de week bijeen op dag en uur
door den Bestierder bepaald. Deze bijeenkomsten worden
toegewijd aan het gebed, het aanhooren van Gods woord,
en het zingen van geestelijke liederen.
IX.   Iedere afdeeling moet in de kerk van het\' Broe-
derschap, de plaats bekleeden welke haar is aangewezen,
en ieder lid moet het nummer behouden van de afdeeling
in welke hij geplaatst is.
X.   De godvruchtige oefeningen, welke men in de
bijeenkomst nooit mag achterlaten, zijn: het gebed Ge-
denk, o goederlierensle Maagd,
de litanie van de Heilige
Familie; een gedeelte van den Rozenkrans, het onder-
zoek van geweten, de geestelijke Communie, de aanroe-
ping der heilige Patronen van het jaar en van de afdee-
1. Deze schikking wordt in het algemeen niet onderhouden op de dorpen.
2. Dit artikel, alsook art. VII, IX, XI, XII en XVII worden in
het algemeen op de dorpen niet gevolgd.
-ocr page 42-
30            Gerjfte Deel. — Zenenöe EoofDjtfruït.
lingen. De bijeenkomsten worden altijd gesloten met den
zegen van het Heilig Sacrament of van het Kruisbeeld.
XI.  Men mag zich van de bijeenkomst niet onthouden
zonder den Prefekt of Onderprefekt zijner afdeeling te
verwittigen.
XII.  Al de beambten der Congregatie vereenigen zich
viermaal in het jaar, met de kwatertemperdagen, op
bepaalde uur, om samen te bidden, en om van den Be-
stierder onderrichtingen te ontvangen die geschikt zijn
om de Congregatie in hare vurigheid te bewaren.
XIII.   Hij die verlangt in de Congregatie der Heilige
Familie aanveerd te worden, moet zich door een lid der
Congregatie of door eenen anderen achtbaren persoon
doen aanbieden aan den Bestierder, die, na inlichting
genomen te hebben over zijne zeden, woonplaats en be-
trekking, hem tot de beproeving zal kunnen aannemen.
XIV.   Na den proeftijd, door den Bestierder bepaald,
zal degene die verlangt aangenomen te worden, indien
zijn gedrag en zijn vlijt om de vergaderingen bij te
wonen het toelaten, zijne plechtige opdracht doen in het
Broederschap. Hij zal den akt van toewijding aan Jezus,
Maria, Jozef uitspreken, na zich eerst voorbereid te
hebben door het ontvangen der HH. Sacramenten. Dan
zal hem een bewijsbrief van aanneming als lid van het
Broederschap gegeven worden.
XV.  De verplichtingen welke de leden der Vergadering
op zich nemen, zijn louter liefde verplichtingen. Zij
moeten als goede christenen leven volgens hunnen staat,
de gevaarlijke gezelschappen vluchten, geene slechte
boeken of gazetten lezen, de gevaarlijke speelplaatsen, en
alles wat htn tot zonde zou kunnen brengen, zorgvuldig
vermijden.
XVI.  Behalve de plichten van eenen goeden christen,
moeten zij nog in het bijzonder: i° lederen morgen de
werken van den dag opofferen aan Jezus, Maria, Jozef,
en deze opoffering van tijd tot tijd door den dag vernieu-
wen. 2°Desa\\onds hunne ccnscientie onderzotken en
de geestelijke Communie doen.
XVII.  Wannetr een der leden ziek wordt, zal hij daar-
van kennis doen geven aan zijnen Prefekt, en deze zal
-ocr page 43-
.Statuten en toereaöeringen der üeiu\'ge Famflie. 31
den Bestierder verwittigen. Tn de eerstvolgende bijeen-
komst zal de Bestierder dit bekend maken aan de mede-
broeders, en hen vermanen om voor den zieke te bidden.
Indien een lid der Heilige Familie sterft, worden alle
de anderen verzocht de diensten bij te wonen die voor
de ziel van den overledene geschieden.
XVIII.  De heilige patronen van het jaar worden
door het lot verdeeld in de bijeenkomst die onmiddelijk
den eersten januari voorafgaat.
XIX.   Het Feest van de Heilige Familie, welk ook het
patroonfeest is van het Broederschap, is gesteld op den
eersten zondag van juli: maar een pauselijke brief van
den 23 juni 1863 laat toe van hetzelve, te gelijk met den
aflaat, te verschuiven op eenen anderen dag van het jaar
te bepalen door den plaatselijken Bisschop. De Bisschop
van Luik heeft den tweeden zondag van juli gesteld voor
het Aartsbroederschap. Op dien feestdag heeft de gene-
rale Communie plaats, alsook de plechtige aanneming
der leden, door den akt van opdracht aan Jezus, Ma-
ria, Jozef.
XX.   De andere feesten van het Broederschap zijn:
(zie het handboek, bl. 159).
XXI.  Eene pauselijke brief van 23 juni 1863 laat toe
aan de leden der Vergadering van de volle aflaten \\astge-
hecht aan de bovengemelde feesten, alsook allede andere
volle aflaten, vergund aan de Heilige Familie, te winnen,
of wel op den gestelden dag, of wel op eenen der zeven
navolgende dagen. Elk lid kan dus eenen dezer acht
dagen kiezen volgens beliefte.
XXII. Ieder lid wiens gedrag,ver van stichtend,integen-
deel berispelijk zou zijn, en dat, niettegenstaande de
herhaalde vermaningen van den Bestierder, zich niet zou
verbeteren, zal buiten de vergadering gesloten worden.
Goedkeuring. Wij hebben de bovenstaande Regels der
godvruchtige vergadering der Heilige Familie, ingericht
in de kerk der eerw. Paters Redemptoristen te Luik.doen
onderzoeken : Wij hebben goed gevonden dezelve goed
te keuren, en wij keuien ze inderdaad goed door deze
schriften : wij geven ook ons verlangen te kennen dat alle
-ocr page 44-
32          eerste Deel. — zcbenöe Eoofbjftuft.
de leden der vergadering van het een en het ander
geslacht, dezelve nauwkeurig onderhouden, ieder voor
hetgeen hem betreft.
Luik, den 27 december 1862.
L. S.                Theodorus Bisschop van Luik.
Wij keuren insgelijks goed de nieuwe opstelling der
artikels XIX en XXI, gemaakt om dezelve te doen over-
eenkomen met den pauselijken brief van den 23 juni 1863.
Luik, den 19 juli 1864.
H. Neven, Vic. Gen.
Dit is het reglement der Heilige Familie, ontworpen
door hare eerste leden, bewerkt door Monseigneur Van
Bommel en den E. P. Bestierder, allengskens verbeterd
door de ondervinding en voor altijd door de geestelijke
overheid bekrachtigd.
IL De wekelijksche vergaderingen.
De Heiligen toonen ons door hunne levenswijze hoe het
Evangelie moet beoefend worden : zoo ook zien wij in de
wekelijksche vergaderingen hoe de voorgemelde statuten
moeten nageleefd worden.
Eene vergadering behelst drij oefeningen : het gebed,
de conferentie en de gezangen.
1. Hel Gebed. Op gestelde uur vereenigen zich al de
leden in de kerk : allen bidden gezamenlijk den rozen-
krans. Daarna beklimt de Pater Bestierder den predik-
stoel en duidt het gezang aan dat door de aanwezigen
aangeheven en door het orgel begeleid wordt. Alsdan
zingt hij een overschoon gebed, waarin hij den bijstand
der HH. Patronen inroept. Vervolgens worden al de
herten tot Jezus, Maria, Jozef verheven door die aan-
doenlijke aanroepingen der Heilige Familie, waarin de
hedendaags zoo hevig besprokene vraagstokken van staat-
en huishoudkunde, van welzijn der werkende klas, van
onderlingsche plichten van ouders en kinderen, van bazen
-ocr page 45-
.Staturen en bcraaDeifnaen Der Eeilfge Famfffe. 33
en werklieden, van meesters en knechten zoo wonder-
goed worden opgelost.
Heilige Familie, waarin vrede eneendracht heerschen.
Heilige Familie, waarvan het Hoofd een voorbeeld is
van vaderlijke waakzaamheid.
Heilige Familie, waarvan de Bruid een voorbeeld is van
moederlijke zorgvuldigheid.
Heilige Familie, waarvan het Kind een voorbeeld is
van gehoorzaamheid en kinderlijke liefde.
Heilige Familie, die een arm, werkzaam en boet-
veerdig leven hebt geleid.
Heilige Familie, die uw brood hebt gewonnen in het
zweet uws aanschijns.
Heilige Familie,arm in aardsche,maar rijk in hemelsche
goederen, enz.
Het gebed gedaan zijnde, zitten allen neder, dan roept
de Bestierder de wekelijksche patronen af, met de
namen der leden aan wie zij zijn te beurt gevallen. Deze
patronen worden getrokken in de laatste vergadering van
december, en bij de namen van ieder lid ingeschreven(\').
2. De Conferentie. De conferentiën, zegt het Handboek
(bl. 189), handelen gemeenlijk over den godsdienst, be-
schouwd in zijne geschiedenis en in zijne plechtigheden;
over de leering van het geloof en over de zeden : over het
leven en de deugden van Jezus Christus, over het leven
en de voorbeelden der heilige Maagd Maria en van de
Heiligen, enz.
De conferentiën worden bijzonder aantrekkelijk ge-
maakt door eene eenvoudige en vertrouwelijke voordracht.
De Bestierder is als een vader die zich niet zijne kinderen
onderhoudt van al wat hun belangrijk en voordeelig kan
zijn.
De leden der Heilige Familie van Sint Truiden herin-
neren zich nog met aandoening, hoe, over ruim twintig
jaren, de Eerw. Pater Grommen, door zijne eigenaardige,
treffende en levendige conferentiën, hunne aandacht,
1. Een oude gepensioneerde Kapitein Mr Fr. Jalheau, die in 1886
te Brussel overleed, in den ouderdom van 82 jaar, vroeg, tot op het
laatste van zijn leven dat men hem zijnen jaarlijkschen patroon zou
willen toezenden.
Aartsbroederschap der H. Familie.
3
-ocr page 46-
Gerjtte Deel. — zetoenöe BoofDjftiift.
iederen maandag, wist te boeien. Er was in de voordracht
van dien welsprekenden volkspredikant iets zoo aantrek-
kelijk, en zoo belangwekkend, dat zelfs zijne medebroe-
ders die geen vlaamsch verstonden met genoegen kwamen
luisteren. Voor die 800 tot 900 man des Genootschaps
was het een alleraangenaamst feest; ook waren er die
van een uur, ja anderhalf uur ver kwamen, en voor niets
in de wereld de wekelijksche vergadering zouden gemist
hebben (\'). De zomer van 1853 was buitenmate heet en
droog ; de kerk der Redemptoristen, opgepropt van volk,
was als een heete oven. Ook werd er onder de Paters
raad gehouden of het niet goed zou zijn de ver-
gaderingen eenige weken ie onderbreken. Doch eer die
maatregel ten uitvoer werd gebracht, wilde de Bestierder
ook zijne mannen raadplegen. In de vergadering van
14 juni, stelde hij hun de zaak voor; die voor de opschor-
sing waren moesten opstaan. En wat gebeurde er ? Geen
een van die 800 man stond op. Iedereen begon te lachen:
de Bestierder wenschte hun van herte geluk over hunnen
iever en bereidwilligheid, en de wekelijksche bijeenkom-
sten gingen voort.
Oveiigens allen die de Heilige Familie, waar het ook
zij, bestierd hebben, hebben met voldoening die ver-
kleefdheid der leden aan het Genootschap, en hunne
1. Ziehier een staaltje van die eigenaardige volkspredikatie. In 1856,
bij den uitleg der Handelingen der Apostelen, ter gelegenheid van Simon
den tooveraar, en van de Simonie, antwoordde Pater Grommen op
de zoogekende opwerping : De Kerk is een winkel, de priesters doen
alles voor hel geld.
Hij toonde hoe de fransche Revolutie de kloosters
en kerken had geplunderd, en hoe het traktement dat de priesters van
den Staat ontvangen kleiner is dan de jaarwedde van den geringsten
beambte, en bijgevolg onvoldoende tot hun onderhoud : dat de geloovi-
gen dus moeten bijleggen door hunne giften ter gelegenheid der doopsels,
huwelijken,enz. —Anders zou de priester, in plaats van altijd ter beschik-
king der geloovigen te staan, eenensliel moeten uitoefenen om te kunnen
leven. Ik veronderstel dus dat Mr de Deken kleermaker zou zijn.de eerste
Kapelaan schrijnwerker, de tweede metser en de derde schaliedekker.
Nu, viwe viouw is zieken moet berecht worden. —Gij gaat naar M\'
den Deken. —Onmogelijk : ik heb dit kleed voor dezen avond beloofd.—
Gaat naar den eersten Kapelaan. —Deze is buiten de stad aan \'t werken
en zal tegen avond eerst \'thuis komen. — De tweede kan den bouw
niet verlaten dien hij moet optrekken. — De derde zit op den toren.
Ir.tusschentijd sterft uwe vrouw zonder Sacramenten. — En hetzelfde
lot zou u ook te wachten staan.
-ocr page 47-
.Statuten en bergaöerinaen öer Eeflifle Familie. 35
getrouwheid aan de wekelijksche vergaderingen kunnen
bestatigen : noch afstand, noch slecht weder kan hun te
huis houden. Te Brussel zijn er die wekelijks van
Ukkel, Watermael en omliggende gemeenten komen. Te
Luik komen er van Bois de Breux, Grivegnée, Angleur
en Montegnée;de voorsteden bevatten er een aantal die,
ofschoon afgemat door drukken arbeid, toch s\'maandags
geregeld op hunnen post zijn.
3. De Gesangeti.De gezangen zetten aan de vergadering
iets feestelijks, iets aandoenlijks bij. In de Heilige
Familie zingt iedereen: gewoonlijk wordt de vereeniging
door een gezang geopend en gesloten. In vele vergade-
ringen bestaat er een Zanggenootschap dat door heer-
lijke stukken, en keurige muziek de plechtigheden weet op
te luisteren. — «O Heer, riep de H. Augustinus uit, wat
hebben uwe lof- en jubelzangen mij doen tranen storten!
Wat waren die zoete kerkstemmen voor mij aandoen-
lijk ; terwijl zij mijne ooren troffen, drong uwe waarheid
zachtjes in mijn hert, en deed er uwe liefde in ontstaan
terwijl zoete tranen langs mijne wangen afliepen. » Elders
zegt de H. Leeraar: « Ik vind het een schoon en loffelijk
gebruik van in de kerk te zingen opdat hetgeen de ooren
streelt, ook het hert tot godsvrucht opwekke. »
En wie heeft die zoete gewaarwordingen niet gevoeld
bij eene vergadering der Heilige Familie ? Wie kan
zonder aandoening, die forsche mannenstemmen hooren,
die te zamen uit ganscher herte den lof van God en de
heerlijkheden van Maria en Jozef zingen ?
De gezangen der Heilige Familie die de vergaderingen
aantrekkelijker maken, zijn zelfs in de huisgezinnen en
werkhuizen binnengedrongen, en hebben op vele plaatsen
de wereldsche en soms zedelooze liederen vervangen. De
leden zijn meestal zoo zeer aan het Genootschap ver-
kleefd, en vinden er zooveel voldoening, dat zij zeggen
gelijk die man van Brussel : « Mij dunkt dat het niet
zondag is, wanneer er geene vergadering is van de Heilige
Familie », en te Luik zeide ons een werkman : « Indien
ik \'s maandags de Heilige Familie gemist heb, ontbreekt
mij iets, wat ik de gansche week gevoel. »
Over eenige jaren, bewoonde de burgemeester van
-ocr page 48-
36           Gerj-fte Deel. — zctoenöe Eoofttftufe.
Amsterdam (thans minister van Holland), ecne prachtige
woning nabij de Redemptoristen kerk. Ofschoon protes-
tant, was hij getroffen, door dien grooten toeloop van
mannen, die iederen zondag naar de Heilige Familie
kwamen. Hij vroeg zelfs om eens de vergadering te mogen
bijwonen, en kon daarna zijne voldoening niet genoeg te
kennen geven over hetgeen hij gezien en gehoord had.
-ocr page 49-
ACHTSTE HOOFDSTUK.
De Beambten der Heilige
Familie.
E Regels van het Genootschap schrijven aan
de Prefekten en Onderprefekten voor wat hun
te doen staat, om hunne afdeelingen in goeden
stand te houden. In de buiten parochiën is
het, wel is waar, dikwijls moeielijk al die regels stiptelijk
na te komen ; men neemt er gewoonlijk al diegenen aan
die als goede christenen willen leven : mannen en vrou-
wen, jongelingen en jonge dochters, allen ondereen ; en
alzoo wordt het moeielijk afdeelingen te maken. Zulks
is nochtans niet ondoenlijk, dewijl in de hollandsche
dorpen, omtrent overal de verdeeling in sectiën onder-
houden wordt. Daar rekent iedereen het zich tot eere,
deel temaken van de Heilige Familie,en zij die er niet aan
toebehooren, worden schier met den vinger aangewezen.
Het ware nochtans grootelijks te wenschen, dat de twee
geslachten afzonderlijk hunne vergadering hielden, zelfs
in de dorpen, al moesten de vergaderingen beurtelings
maar alle veertien dagen gehouden worden.
Het ambt der Prefekten verdient hier wat nader be-
sproken te worden. Gelijk wij gezien hebben,beschouwde
Belletable de Vergadering, als een geestelijk leger dat
gerangschikt moest worden in afdeelingen, onmiddelijk
onder het bestuur van eenen Prefekt en Onderprefekt
met een algemeen opperhoofd dat alles bestiert. De
Bestierder is als de generaal, en de Prefekten maken
den hoogen raad of staf uit. Door deze schikking wordt
de bestiering vergemakkelijkt, en het gezag gehandhaafd,
terwijl de bekwaamste en ieverigste leden het hunne
bijdragen, tot den voorspoed des Genootschaps. Iedere
afdeeling houdt zijne bestemde plaats in de kerk, en ieder
lid zijnen vasten stoel: alzoo ziet de Prefekt oogenblikke-
lijk, wie aan- of afwezig is. Ieder Prefekt heeft eene lijst
-ocr page 50-
38         eerste beer. — Hchttfte Eoofttftuïu
waarop de naam en voornaam, het beroep en de woon-
plaats zijner mannen zijn aangeteekend. Viermaal \'sjaars
worden de lijsten met het register van den Bestierder
vergeleken. Dit register bevat twee lijsten : de lijst der
leden ieder in zijne afdeeling, en dezelfde namen van A
tot Z, met het beroep en woonplaats : eene kolom is
voor de aanmerkingen voorbehouden : uitgegaan, ziek,
a/tuezig, past goed oi slecht op.
De Prefekten moeten hun
ambt ieverig ter herte nemen. Zij zijn als de ziel hunner
afdeeling. De Bestierder is als het brandpunt des Genoot-
schaps, en de Prefekten zijn als zoovele stralen die overal
licht en leven invoeren : de Bestierder is het jachtwiel,
dat alles in beweging brengt, en de Prefekten zijn als de
kamraderen om die beweging voort te zetten. De Bestier-
der is het hoofd, en de Prefekten zijn de armen die hem
ten dienste staan.
Maar, waar zulke dienstveerdige mannen gevonden ?
Daar zit de knoop. In het laatste maatschappelijk Congres
van Luik, zeide men met waarheid : Om werken te
stichten moet men werkzame mannen hebben, en heeft
men ze niet, dan moet men ze vormen en opleiden. —
En daarom zijn die bijzondere bijeenkomsten der Prefek-
ten in de Heilige Familie ingericht. Op de vier kwater-
temperdagen des jaars roept de Bestierder hen bijeen om
hunnen iever aan te sporen en alzoo de vurigheid in
gansch de Vergadering te onderhouden. Het is van het
stipt nakomen van dezen regel dat de bloei en de voor-
uitgang des Genootschaps grootendeels afhangen.
In die drijmaandelijksche vereenigingen herinnert de
Bestierder aan zijne ambtgenooten met welke zorgvuldig-
heid zij hunne plichten moeten kwijten: daar stelt hij hun
de verhevenheid hunner bedieningen, den prijs der
zielen, en hare eeuwige bestemming voor oogen : Hij
toont hun hoe uitmuntend, hoe voordeelig hun apostel-
schap is : Hij herinnert hun de woorden van den Zalig-
maker : Hetgeen gij den minsten mijner broeders gedaan
hebt, hebt gij mij zelf gedaan
(Matt., 25, 40), of wel die
woorden van den H. Augustinus : Hebt gij eene ziel gered,
zoo hebt gij uwe eigene zaligheid verzekerd.
Of nog die
woorden van de H. Schriftuur : Zij die aan anderen de
-ocr page 51-
De Beambten öer Eeltige Famflfe.         39
wegen der gerechtigheid zullen geleerd hebben, zullen blinken
gelijk sterren in de eeuwigheidzen.,
12, 13). Maar bijzon-
der stelt hij hun voor oogen hoe gelukkig zij zullen zijn
op hun sterfbed : hoe troostelijk hunne medalie en
diploom van de Heilige Familie zich voor hun stervende
oogen zullen opdoen. Jezus, Maria, Jozef zullen hen
met opene armen ontvangen, en al de zielen die zij
gered nebben, zullen voor hen bij God ten beste spreken
en hen zegevierend den hemel binnenleiden. Met deze
verhevene en troostende beschouwingen weet de Be-
stierder heilzame raadgevingen te voegen om hunnen
iever jegens de leden,die hun zijn toevertrouwd,te geleiden
en aan te vuren.
In die afzonderlijke vereenigingen moet de Bestierder
zijne Prefekten bijzonderlijk aanmoedigen, hun veel ver-
trouwen toonen, en ieders verdiensten weten naar weerde
te schatten. Hij moet het gevoelen van eigenweerde zoeken
te ontwikkelen dat den werkman ingeboren en zoo
krachtig is om veel goeds te stichten, indien men het wel
weet te geleiden.
Een werk van hoogst belang dat niet mag verwaarloosd
worden, is de herziening der lijsten. Ieder Prefekt of
Onderprefekt komt beurtelings met zijne lijst in de hand,
rekenschap geven over zijne afdeeling, men mag gerust
drij en vier dagen aan dit herzieningswerk besteden. Daar-
door wordt iedereen in gang gehouden : de Prefekten,
omdat zij weten dat hunne lijsten zullen herzien worden,
en de leden, omdat zij weten dat zij in het oog worden
gehouden. Daar zit de kracht en drijfveer die de Verga-
dering aaneen houdt en werkzaam maakt. Zonder her-
ziening heeft men namen op het papier, maar de stoelen
en banken blijven ledig/ Die herziening geeft daarenboven
den Bestierder gelegenheid om zijne medehelpers aan te
zetten de leden hunner afdeeling te gaan bezoeken,
hetzij uit plicht wanneer hij zieken heeft, of mannen die
maar slecht oppassen, hetzij uit iever, wanneer de eene
of andere omstandigheid zich opdoet : alzoo neemt de
verbroedering tusschen de leden meer en meer toe, en
voelt men weldra hoe goed en hoe zoet het is als broeders
onder elkander te leven.
In de steden waar het werkvolk
-ocr page 52-
Gerote beel. — Stfjtjftc Eoofbjmifi.
dikwijls verhuist, is het noodzakelijk die veranderingen
van woon wel in acht te nemen. De Bestierder moet
dus, gelijk men ziet, om alles bekommerd zijn en ieder-
een ten dienste staan, doch de goede inrichting der
Heilige Familie zal veel bijdragen om zijn werk te verge-
makkelijken. Ook mag hij zich niet laten voorstaan dat
die geringe zorgen tijdverlies zijn : neen, zegt de H.
T\'ranciscus van Sales, de molenaar verliest zijnen tijd niet
met zijnen steen te scherpen.
Ziehier de bijzondere plichten derPrefekten en Onder-
prefekten, gelijk zij in het Handboek staan, bl. 161.
De Prefekten en Onderprefekten der afdeelingen, welke
de Vergadering der Heilige Familie uitmaken, hebben
eenige plichten van liefde en welwillige zorgen te ver-
vullen, zij zullen :
i° Waken opdat ieder lid der Vergadering nauwkeurig
de bijeenkomsten bijwone, en degenen die onnauwkeurig
of ongetrouw zijn, niet liefde en voorzichtigheid terug
brengen.
2° Zorgen om goede orde in de afdeeling te houden,
en ieder de plaats welke hem is aangewezen, doen be-
waren.
3° Bij tijds naar de bijeenkomst komen, om de zang-
boeken uit te deelen.
4° Zoo een van hen zich genoodzaakt vindt afwezig te
zijn of te laat te komen, daarvan den Bestierder of den
Onderprefekt verwittigen, opdat de gansche afdeeling
er niet door lijde.
5° Eene lijst houden, met de namen, voornamen, be-
roep en woning van ieder der leden.
6° De zieken hunner afdeeling bezoeken, en hen aan-
moedigen tot verduldigheid en onderwerping.
7° Waken dat ieder wel onderhoude hetgeen in het
artikel XV der Regels is aanbevolen.
8° De leden der afdeeling aansporen om van tijd tot
tijd de HH. Sacramenten te ontvangen, bijzonder op de
groote feestdagen van het jaar en op den Patroonsdag
der afdeeling.
9° Eindelijk, op den tijd, door den Bestierder bepaald,
zullen de Prefekten getrouwe rekening geven over de
-ocr page 53-
»e Beambten bet Heilige Famüfe.         41
afdeeling die aan hunne zorg en liefde is toevertrouwd.
Deze zoo wijze en doelmatige regels werden plechtig
toegejuicht en bekrachtigd in het Congres der Heilige
Familie dat in 1884 in Holland gehouden werd. Van alle
gewesten des lands kwamen de Bestierders en Beambten
der verschillige vergaderingen te Venlo onder hét gelui
der klokken, bijeen. Het drij kleurig vaandel wapperde op
den toren van Sint-Martens kerk, de gansche stad was
bevlagd. Na de gewone plechtigheden en redevoeringen
die in dergelijke omstandigheden plaats hebben, ging
men over tot het onderzoek der praktische middelen
om de wekelijksche vergaderingen getrouw doen bij te
wonen, en de volgende wijze schikkingen werden voor-
gesteld : i° Eene wel voorbereide Conferentie. Een
Comiteit belast met het bezoeken der zieke leden. 3°Eene
regelmatige waakzaamheid der Bestierders over hunne
beambten, en der beambten over hunne afdeeling. 4° Een
jaarlijksch retret op het gunstigste tijdstip, en het luisterlijk
vieren der feesten des Genootschaps. 50 Het eenparig
gezang van al de leden, bij voorkeur van eene bijzondere
zangafdeeling. 6° De generale Communiën op wel ver-
deelde tijdstippen. 7° Maatregelen opdat iedere afdeeling
gezamenlijk haar aanbiddingsuur zou doen.
Men stelde ook voor afdeelingen der Kleine Hei-
lige Familie
in te richten, waarin men de jongelingen na
hunne eerste Communie zou aannemen. Dusdanige ver-
gaderingen zijn reeds tot stand gebracht te Frosinone in
de Pauselijke Staten, te Sint-Truiden, te Antwerpen en te
Rousselare, alsook te Baltimore in Amerika. In Holland,
namelijk in \'s Hertogenbosch, telt de Heilige Familie ver-
scheidene dusdanige kweekscholen, die de toekomst van
\'t Genootschap verzekeren. De jongelingen blijven daar
tot den ouderdom van zestien jaar, om vervolgens tot de
afdeeling der mannen over te gaan.
-ocr page 54-
NEGENDE HOOFDSTUK.
Toegenegenheid der Bisschop-
pen voor de Heilige Familie.
IJ hebben gezien hoe Zijne Hoogweerdigheid
Monseigneur Van Bommel het opkomend
Genootschap aanmoedigde, goedkeurde en
eindelijk tot de weerdigheid van Aartsbroe-
derschap deed verheffen. Men mag dus de Heilige Fa-
milie een waar bisschoppelijk werk noemen. Maar wie
zou kunnen uitdrukken hoezeer die doorluchtige Kerk-
voogd dit werk beschermde, hoe diep het hem aan \'t herte
lag en hoe hij alle gelegenheden te baat nam om het
zijne vaderlijke toegenegenheid te toonen. Hij rekende
het zich een geluk de opdracht der nieuwe leden ieder
jaar met zijne tegenwoordigheid te komen opluisteren.
In 1848, ter gelegenheid der vergadering der bisschop-
pen te Mechelen, wist hij bij zijne eerbiedweerdige Me-
debroeders het Genootschap vurig aan te prijzen. Hij
schreef zelf aan Mgr Neven: « Mijnheer de Vikaris-Gene-
raal, gelief aan den Pater Bestierder der Heilige Familie
te zeggen dat ik de gelegenheid gehad heb om het Ge-
nootschap naar verdienste te doen gelden en het aan de
bescherming van al de Bisschoppen aan te bevelen. Zijne
Eminentie de Kardinaal vindt deze Instelling voortreffe-
lijk. »
In 1849 gaf Monseigneur de Bisschop van Luik een
nieuwe blijk zijner toegenegenheid aan de Heilige Fami-
lie. Den 15 januari kwam hij met Monseigneur Gillis,
Aartsbisschop van Edimburg, de vergadering bezoeken.
In 1850 kwam Zijne Hoogweerdigheid voor zijn ver-
trek naar Rome, aan de twee afdeelingen der Heilige
Familie eene conferentie doen, waarin hij hun beloofde
dat hij de Vergadering aan O. H. Vader den Paus zou
aanbevelen. Den 9 juni kwam hij bij zijne terugreis, ver-
-ocr page 55-
eenesenïjefö *>er Btóftïjoppen boor De 33. Eamflfe. 43
gezeld van Monseigneur Laurent, Bisschop van Cherso-
nèse, de Vergadering voorzitten en aan de leden den
pauselijken Zegen geven dien hij voor hen bekomen had.
Dat zelfde jaar had de Vergadering de eer door ver-
scheidene vreemde Kerkvoogden bezocht te worden:
in het vroegjaar, door Monseigneur den Bisschop van
Marsilië en Mgr den Bisschop van Buffalo (in de Ver-
eenigde Staten van Amerika); en in den zomer, door Zijne
Eminentie den Kardinaal-Aartsbisschop van Keulen, en
door den Aartsbisschop van Turijn die in ballingschap
was.
Deze doorluchtige bezoekers waren buitenmate gesticht
die Vergaderingen zoo talrijk te zien, en vonden in hun
bisschoppelijk hert schoone en aanmoedigende woorden
voor al die mannen die in onze tijden van ongeloof en
lafhertigheid, zulk treffend voorbeeld van godsvrucht en
christelijke kloekmoedigheid weten te geven.
In het vroegjaar van 1850 kwam MgrVan Bommel naar
Sint-Truiden om er het H. Vormsel toe te dienen. Daar,
omringd van een aantal priesters en aanzienlijke leeken
der stad, gaf hij zijn verlangen te kennen de Heilige
Familie in de kerk der Paters Redemptoristen te zien
oprichten.Deze bisschoppelijke wensch werd in de Paters-
kerk door den toenmaligen Rector, den E. P. Janson,
afgekondigd, en het doelwit, alsook de menigvuldige voor-
deelen dezer nieuwe Instelling aan het volk uitgelegd.
Den 3 juni had de eerste vergadering plaats. Het vol-
gende jaar (19 augustus 1851) kwam Zijne Hoogweer-
digheid zelve de opdracht der 562 eerste leden ontvangen,
en gedurend drij vierden uurs sprak hij met zulke vader-
lijke teerhertigheid dat hij alle gemoederen ten diepste
bewoog. Eer Zijne Hoogweerdigheid afscheid nam, vatte
hij M. den Deken Cartuyvels bij de hand en wenschte
hem geluk over deze schoone instelling, waarin een groot
deel zijner parochianen eenen zekeren waarborg hunner
eeuwige zaligheid zouden vinden. Dit was het laatste be-
zoek dat de Bisschop aan Sint-Truiden deed. Den 7 april
1852 gaf deze uitmuntende Kerkvoogd zijne schoone ziel
aan zijnen Schepper weder. De Heilige Familie verloor
in hem eenen waren vader, eenen machtigen beschermer.
-ocr page 56-
44          Gerjftt deel. — Kegenöe EoofVtuft.
Pius IX zeide van hem :«Mgr Cornelius Van Bommel zou.
als voorbeeld kunnen dienen aan al de Bisschoppen der
katholieke wereld »
Zijn opvolger, Mgr de Montpellier, die den 7 november
1852 ingewijd werd, wist gelijk zijn doorluchtige Voor-
zaat, talrijke blijken zijner hoogachting aan de Heilige
Familie te geven. Kort na zijne inhulding kwam hij de
Vergadering te Luik met een bezoek vereeren.
De Bisschoppen van Moulins (Vrankrijk) en van Gent
wilden als eereleden in de Heilige Familie opgenomen
worden, en beiden wilden te dier gelegenheid de Vergade-
ring door eene hertelijke aanspraak begunstigen. De
Bisschop van Gent zond den volgenden brief aan den E.
P. Rector van Luik.
Bisdom van Gent.
Gent, den 8 december 1852
Eervveerde Pater.
Mijn bezoek aan de schoone en stichtende Vergadering
der Heilige Familie heeft mij zoo groote voldoening ver-
schaft, dat ik besloten heb dit zoo verdienstig Werk in
mijn bisdom in te stellen, eerst in de kerk van den H.
Macarius, hulpkerk van Sint-Jacobs, en vervolgens in de
kapel van den H. Joannes Baptista, hulpkapel van Sint
Marten. Te dien einde zullen twee onderpastoors van
Sint-Jacobs, toekomenden maandag, bij u den avonddienst
komen bijwonen, en zich bevragen hoe zij het moeten
aanleggen om dit Werk te beginnen, vooraleer een uwer
Paters het regelmatig kome instellen.
Ik heb de eer, Eerweerde Pater, te zijn
Uw ootmoedige en toegenegen dienaar
(Get.) ►{< G. J. Bisschop van Gent.
De nieuwe Bisschop van Luik deed zijn eerste bezoek
aan de Heilige Familie den 1 februari 1853. Zijne Hoog-
weerdigheid hield aan de vergadering een hertelijke aan-
spraak waarin hij hun zegde hoe gelukkig zij zich moesten
achten deel te nemen aan een Genootschap waar zij zoo
gemakkelijk hunne zaligheid konden verzekeren. Hij
voegde er bij dat hij in een toekomend bezoek het
-ocr page 57-
6enegengKtt> öet Btófr&oppen lioor öe E. Familie. 45
zich tot eere zou rekenen de medalie der Heilige Familie
nevens zijn bisschoppelijk kruis op de borst te dragen.
Den 7 juli 1855 kwam Zijne Hoogweerdigheid de
Bisschop de Heilige Familie van St-Truiden met een
bezoek vereeren, en werd er met geestdriftige vreugde
ontvangen. Een half uur hing sprak hij met kracht en
aandoening over de voordeelen des Genootschaps, en
over de plichten der leden. De E. P. Roes vertolkte de
bisschoppelijke woorden met wonderbaar gemak en ge-
trouwheid, en bedankte den Bisschop over zijne aanmoe-
digende belangstelling.
Toen in 1869 Mgr de Montpellier het zilveren jubel-
feest der Heilige Familie te Luik kwam bijwonen, zeide
hij tot de Paters : « De Heilige Familie is het bijzonderste
Werk dat uwe Congregatie in België heeft ingericht:
tracht het zorgvuldig in stand te houden. »
En wat zullen wij zeggen van den weerdigen Bisschop
dien Mgr de Montpellier zich zoo wel tot opvolger heeft
verkozen, van den uitmuntenden Kerkvoogd die den
stoel van sint Lambertus zooveel luister bijzet, van
Monseigneur Doutreloux den Bisschop der \'werklieden
en der Congressen.
?
Voor de Heilige Familie is hij een tweede Monseigneur
Van Bommel. Hij draagt haar dezelfde genegenheid,
dezelfde belangstelling toe. Het is voor zijn vaderlijk hert
een waar feest in plechtige omstandigheden de Veigade-
ring door zijne tegenwoordigheid te komen opluisteren ;
overal, in zijn uitgestrekt bisdom, tracht hij het Genoot-
schap te doen oprichten; bij onzen Heiligen Vader
den Paus weet hij met den grootsten lof van de Heilige
Familie te spreken, en immer nieuwe gunsten voor haar
te bekomen : hij bewaart zelfs zorgvuldig in zijne kamer
een eenvoudig nadruksel van het Lieve Vrouwbeeld
rond hetwelk de eerste leden der Vergadering in 1844
zich in het huis van Jongen schaarden, en voorzeker,
gelijk zijn doorluchtige Voorzaat Mgr Van Bommel deed,
beveelt hij iederen avond aan de Moeder Gods al de
leden der Heilige Familie.
Hoort hoe onze welbeminde Bisschop zich over eenige
jaren in eene vergadering der Heilige Familie te Luik
-ocr page 58-
46           Gerote Deel. — Xïegenöe Koofbjmift.
uitdrukte : « Het is voor mijn bisschoppelijk hert een
groole troost mij in uw midden te bevinden. Wanneer ik
elders in de parochiën veel volk bijeen zie, vraag ik bij
mij zelven : hoevelen van die menigte zullen eens in den
hemel vereenigd zijn ? en dat gedacht beklemt mij het
hert met benauwden twijfel, maar hier vervult het
mij met vreugde, omdat ik weet dat de Heilige Familie
als eene reddingsark is, wijl degenen die in het Genoot-
schap van Jezus, Maria en Jozef volherden, gewoonlijk
eene zalige dood sterven.
«Weest dus getrouw, mijne vrienden, en weest apostels
om nieuwe leden aan te werven, opdat uw schoon Genoot-
schap meer en meer aangroeie. Bij uw afsterven moet gij
kunnen zeggen : Ik heb er zooveel in de Heilige Familie
gebracht. »
Het is ons aangenaam naast deze aanmoedigende
woorden van den opperherder des bisdoms, hier neer te
schrijven hetgeen de geleerde en godvruchtige Kerkvoogd
zegde ter gelegenheid van het schoon jubelfeest dat hij
te St-Truiden geweerdigde voor te zitten. Het was den 6
januari 1890: 218 leden vierden hunnen jubilé van 25 jaar
getrouwheid aan de Heilige Familie. 800 leden waren
\'s morgens te Communie geweest, waren \'s avonds in de
kerk der Redemptoristen vergaderd, en hadden het geluk
den Bisschop in zuivere vlaamsche taal te hooren zeggen:
« Ik acht de Heilige Familie een der nuttigste instellin-
gen voor den voorspoed van onze Moeder de H. Kerk, en
ik wensch dat ze ingericht worde in alle parochiën van
mijn bisdom. »
Doch het is niet alleen in het bisdom van Luik dat de
Heilige Familie door de geestelijke Overheid hooggeacht
en geprezen wordt. Diezelfde genegenheid wordt haar
door de Kerkvoogden betoond, overal waar zij is ingesteld.
Den 10 december 1866 kwam Mgr Dechamps, alsdan
Bisschop van Namen, te Brussel in de Sint-Jozefs kerk
de opdracht voorzitten der nieuwe leden, en herin-
nerde al wat het Genootschap aan Pius IX te danken
had. Niemand was meer bevoegd dan hij om dit te herin-
neren, dewijl hij zelf menigvuldige aflaten voor de
Heilige Familie van den Paus bekomen had.
-ocr page 59-
GLcneaenbeiö bet Bi&rchoppen boot De E. Familie. 47
Den 15 augustus van hetzelfde jaar kwam de Kardinaal
Reisach in dezelfde kerk de leden der H. Familie geluk-
wenschen en tot volherding aanmoedigen.
Den 14 december 1868, gaf Zijn Excellentie Mgr
Cattani, Nuntius te Brussel, het zelfde blijk van toegene-
genheid aan de H. Familie van de Madalenakerk.
Deze zoo aanmoedigende belangstelling vinden wij ook
bij de Ierlandsche Bisschoppen ten opzichte der schoone
Vergadering van Limerick. Hunne doorluchtige Hoog-
weerdigheid Mgr Butler en Mgr O\'Dwyer hebben in
menigvuldige omstandigheden getoond hoe zeer zij de
H. Familie toegenegen zijn. Zij rekenen het zich tot
eer bij het jaarlijksch retret, de Mis der generale communie
te komen opdragen,om het grootsch schouwspel te genieten
van vijf duizend mannen die tot de H. Tafel naderen,
met de godsdienstige ingetogenheid die de Ieren ken-
schetst.
Toen Monseigneur Gross, Bisschop van Savannah
(Amerika), in 1889 te Limerick was, wilde hij de H. Mis
opdragen en de H. communie uitdeden aan de twee
afdeelingen der Heilige Familie ; en Zijne Hoogweerdig-
heid was door dit grootsch vertoog zoo zeer aangedaan,
dat hij er van een begeesterd verslag naar Amerika zond.
Van hunnen kant hebben de hollandsche Bisschoppen
ook overvloedige bewijzen hunner toegenegenheid aan de
H. Familie gegeven. Toen in 1856 de eerste leden te
Wittem hunne opdracht deden, wilde Monseigneur Pare-
dis, Bisschop van Roermond, zelf de plechtigheid voor-
zitten, en de medalie der H. Familie ontvangen. Zijn
geheimschrijver, M.Boermans, stadgenoot en speelmakker
van Belletable, wilde dezelfde gunst genieten, en nu
dat hij den bisschoppelijken Stoel van Roermond be-
kleedt, acht hij zich gelukkig meermalen in het jaar, de
plechtige vergadering der H. Familie bij te wonen, en
aarzelt niet haar den roem en den luister zijner bisschoppe-
lijke stad
te noemen.
Het verdienstig hollandsch Blad de Heilige Familie
heeft dikwijls aan zijne duizende lezers medegedeeld hoe
de Bisschoppen van Haarlem, \'s Hertogenbosch, Breda
en anderen, menigvuldige blijken van toegenegenheid aan.
-ocr page 60-
48           Gerote Deel. — DeflenDc KoofbiMjft.
het Genootschap hebben gegeven. Ziehier, onder andere,
wat wij lezen in de decreten der provinciaal Synode van
Utrecht, 1865. « De ondervinding leert dat de Genoot-
schappen wier leden op gestelden dag en uur vergaderen
om geestelijke oefeningen te doen, eene onderrichting van
hunnen Herder of zijnen afgeveerdigde te aanhooren,den
heilzaamsten invloed hebben in de parochiën ; van dien
aard zijn de Congregaticn van Onze Lieve Vrouw, en
het Genootschap der Heilige Familie. De Herders en
Zielzorgers zullen zich Gods bijzonderen zegen weerdig
maken met zulke Vergaderingen op te richten, en er de
godsvrucht en de christelijke deugden te doen bloeien. »
(Tit. IV, Hoofst. V.)
-ocr page 61-
ir TIENDE HOOFDSTUK. f
1| Eereteekens en Voorrechten st
%
der leden van de H. Familie, ij
I.De medalie.
P den dag hunner plechtige opdracht ontvangen
de leden eene groote medalie die de beeltenis
draagt der heilige Familie.
Deze gewijde medalie wordt door de leden
zorgvuldig bewaard, als een kostbare onderpand der
bescherming van Jezus, Maria, Jozef. De mannen
dragen die medalie op hunne borst in de processiën en
bedevaarten, de vrouwen dragen ze met een lint aan den
hals.
In het stervensuur is deze medalie als een wapen tegen
den aanval der booze geesten, en als een bewijs van
getrouwheid aan Jezus, Maria, Jozef tot de dood toe.
In de maand augustus 1872 overkwam aan eenen man
der Heilige Familie te Brussel (Madalena) een ongeluk
dat zijn leven in gevaar stelde : hij werd naar het hospi-
taal gedragen en moest eene pijnlijke operatie ondergaan.
Hij legde zijne medalie der Heilige Familie onder zijn
hoofd, en de oogen op het kruisbeeld gevestigd, zeide hij:
«Ik lijd veel,maar Onze Lieve Heer heeft nog meer gele-
den, en Hij was onschuldig. » Aldus versterkt door het
geloof en de Sacramenten die hij ontving, onderstond hij
met kloekmoedigheid de schrikkelijke operatie.
In Holland dragen al de leden, mannen zoowel als
vrouwen,hunne medalie met een lint aan den hals: meest
allen worden ermede begraven, en houden er veel aan
dat op hun doodsbeeldeken hun titel van lid der Heilige
Familie vermeld wordt.
Aartsbroederschap der H. Familie.                                                      4
-ocr page 62-
50            Gerote tteel. — Tüfenöe XEoofttftttft*
II. Het diploom.
De leden der Heilige Familie ontvangen bij hunne
opdracht een diploom dat zij laten inlijsten en in hunne
huizen ophangen.
Overal zien wij met genoegen dat het diploom in de
huisgezinnen eene eereplaats bekleedt. God beware de
leden der Heilige Familie zich ooit te schamen van aan
dat schoon Genootschap toe te behooren. Te Luik kwam
een bediende die zijn geloof had verloren, een huis
binnen waar hij het diploom der H. Familie aan den
muur zag hangen: « Wat,riep hij de bazin toe, gij zijt ook
van dat papenvolk ? » — « Ja, mijnheer, antwoordde die
brave vrouw, en wij zijn er fier over. »
Te Roeselare, waar de Heilige Familie der mannen
bijna duizend leden telt, bestaat het gebruik op zekere
tijdstippen van het jaar, geestelijke voorwerpen, zooals
kruisbeelden, prenten en schilderijen aan de leden
volgens hunne verdiensten uit te deelen. Alzoo heeft men
op weinige jaren de werkmanshuizen als in zoovele
heiligdommen veranderd, en iedereen, rijk en arm, houdt
er veel aan van door zijne vlijt eene zulkdanige belooning
te verdienen.
III. Het handboek.
Dit handboek is sedert 1855 een waar kerkboek gewor-
den.Het eerste deel bevat eenen levensregel en de gewone
gebeden die een christen mensch betamen. In het tweede
deel vindt men al wat de Heilige Familie betreft; en in
het derde eene verzameling van schoone latijnsche en
vlaamsche gezangen.
Te Luik zijn de Prefekten gelast het handboek aan de
leden hunner afdeeling, iederen maandag uit te deelen,
en na de vergadering ze weer te verzamelen en weg te
sluiten in eene kas die daartoe uitsluitelijk bestemd is.
-ocr page 63-
eereteeftens? en Voorrechten Der ÜeDen. 51
IV. Het vaandel.
De Heilige Familie.door eenen soldaat ingericht als een
geestelijk leger, moet ook zijn vaandel hebben. Dit vaan-
del wordt bij iedere plechtigheid.zoo als retretten, generale
Communiën, Jubilé, enz. in de kerk uitgesteld, en in de
processiën voorop gedragen. Het kostbaar vaandel van
Luik is een geschenk door de hollandsche medebroeders
aan het Moeder Genootschap ter gelegenheid zijner zilve-
ren jubelfeest in 1869 opgeofferd.
Te \'s Hertogenbosch heeft iedere afdeeling haar afzon-
derlijk vaandel, dat de beeltenis van haren patroon draagt.
Het groot vaandel der Heilige Familie is een kunststuk
dat vier duizend frank gekost heeft.
V. De groep der Heilige Familie te Luik.
De groep der Heilige Familie werd in 1850 op het
bevoorrecht Altaar geplaatst. Het is verveerdigd door den
luikschen meester beeldhouwer Frans Detombay. Ziehier
hoe de Journal hislorique van Kersten dit stuk beoordeelt:
«Het Genootschap der Heilige Familie in de Redemp-
toristenkerk te Luik opgericht, komt een merkweerdig
kunststuk in te huldigen, verveerdigd door eenen bekwa-
men beeldhouwer onzer stad M. Frans Detombay. Het is
een groep verbeeldende de heilige Familie,rustend onder
eenen palmboom, op de vlucht naar Egypte. De persona-
gies schijnen van natuurlijke grootte, ofschoon zij wat
grooter zijn. De H. Jozef rust met gevouwen handen
op zijnen reisstok,het hoofd gebogen naar het kind Jezus
dat de heilige Maagd Maria op haren schoot houdt, en
heeft een wonderschoon voorkomen van ingetogenheid,
eenvoudigheid en weerdigheid. Het hoofd, de handen, de
houding der Moeder Gods, en het aangezicht van het
Kind Jezus, alles komt ons onberispelijk voor, en beant-
woordt teenemaal aan het denkbeeld dat wij ons van een
godsdienstig kunstgewrocht vormen».
Onze nederlandsche medebroeders bezitten ook prach-
-ocr page 64-
52           Gerote Deel. — TienDe JjoofDjsttufi.
tige groepen der Heilige Familie, en, wat meer is, vele
leden bezitten er een van kleineren omvang voor hunne
huiselijke godsvrucht.
VI. De leden der Heilige Familie opgenomen
in de Orde der Redemptoristen.
In het Symbolum des Geloofs belijden wij de gemeen-
schap der heiligen,
waardoor de leden der lijdende, strij-
dende en zegepralende Kerk innig verbonden zijn. Even
gelijk de ledematen van het menschelijk lichaam zich
onderlings helpen en ondersteunen, zoo ook kunnen de
leden van het geestelijk lichaam der Kerk aan elkanders
verdiensten en goede werken deelachtig worden.
In 1874 heeft de algemeene Bestierder des Genoot-
schaps aan den Generalen Overste der Redemptoristen te
Rome de gunst gevraagd van de leden der Heilige Familie
gelieven deelachtig te maken aan al de verdiensten der
goede werken die in de Congregatie des Allerheiligsten
Verlossers geschieden.
De Z. Eerw. Pater Mauron heeft in de volgende
woorden deze groote gunst goedwillig toegestaan.
« Krachtens de macht door den Apostolischen stoel aan
den Generalen Overste en Hoofdrector van de Congrega-
tie des Allerh. Verlossers vergund, van de geloovigen die
zich door hunne godsvrucht en liefde onderscheiden,
deelachtig te maken aan onze goede werken, verklaren
wij door deze openbare Brieven, dat de geloovigen van
beider geslacht die ingeschreven zijn, of zullen ingeschre-
ven worden in het Aartsbroederschap der Heilige Familie,
of in andere Genootschappen van den zelfden naam en
titel die met dit Aartsbroederschap wettig verbonden zijn,
of zullen verbonden worden, deelachtig zijn aan al de
goede werken die met Gods genade, in onze Congregatie
gepleegd worden, alsook aan de verdiensten der Missiën
of andere Apostolische werkzaamheden, aan de H.
Missen, Communiën,Gebeden, Meditatiën, boetplegingen
en andere godvruchtige oefeningen, en wij willen dat zij
-ocr page 65-
6ereteefcen£ en Voorrechten Der Beoen. 53
gerekend worden onder de Oblaten die opgenomen zijn als
deelmakende van de Congregatie des Allerheiligsten
Verlossers.
Rome, den 17 februari 1874.
Nicolaus Mauron,
Algemeene Overste en Hoofdrector der
Congregatie des Allerheiligsten Verlossers.
Iedereen begrijpt licht welke groote gunsten in die
vergunning liggen opgesloten. De Orde, door den
H. Alphonsus gesticht, telt tegenwoordig 12 provinciën,
132 kloosters en bij de 2600 Paters en Broeders. In de
belgische Provincie alleen geven de Paters jaarlijks
meer dan 240 Missiën, meer dan 150 vernieuwingen, en
meer dan 300 retretten.Voegt daarbij de verdiensten der
goede werken door iederen kloosterling gepleegd, en gij
zult gemakkelijk verstaan dat de schat der geestelijke
goederen die de leden der Heilige Familie ten deel valt
waarlijk onwaardeerbaar is.
VII. Het bevoorrecht Altaar.
Door Rescript van de heilige Congregatie der Aflaten
van 9 juli 1850, heeft O. H. Vader de Paus Pius IX de
goedheid gehad te verklaren dat een der Altaars staande
in de kerk van het Aartsbroederschap opgericht te Luik,
onder den titel van de H. Fa.m\\\\\\e,bevoorrecht is voor alle
dagen van het jaar, voor de Missen die daar, door welken
priester het ook zij (a quocumque sacerdoteJ, zullen gedaan
worden voor de overledene leden van het Aartsbroeder-
schap, en van de andere vergaderingen van denzelfden
naam, die erin zijn opgenomen, en door kerkelijk gezag
zijn ingericht.
Men verstaat door bevoorrecht altaar datgene waaraan
een volle aflaat voor de overledenen is vastgehecht. De
Mis die men aan dat altaar voor de overledenen doet is
door haar zelve bevoorrecht.
20 Door een besluit van de H. Congregatie der Kerke-
-ocr page 66-
54          eerste deel. — Wenöe Eoofbjmift.
lijke Gebruiken van 30 juli 1863 heeft O. H. Vader de
Paus Pius IX ook de weldaad van een bevoorrecht altaar
vergund aan elkeen der Vergaderingen van de H.Familie,
die wettig opgericht en opgenomen zijn in het Aartsbroe-
derschap van Luik, tot den 30 juli 1863. Maar Zijne
Heiligheid beveelt dat elke Vergadering die na dien
datum zal opgericht worden, zich bij den H. Stoel zal
moeten bevragen,om dit bijzonder voorrecht te genieten.
VIII. De Mis voor de Overledenen.
Overal waar de H. Familie is opgericht, bestaat het
gebruik van eene H. Mis te doen opofferen tot lafenis der
ziel van ieder lid dat komt te sterven. Men stelt die Mis
op dag en uur die het voordeeligst zijn opdat zooveel
leden mogelijk erbij zouden kunnen tegenwoordig zijn.
Te Luik wordt voor de mannen die Mis gedaan met
zang aan het bevoorrecht altaar, den tweeden zondag na
het afsterven, om 7 ure, en zij wordt den voorgaanden
maandag in de vergadering aangekondigd ; daar bestaat
ook het schoon Werk Aex begrafenissen. Een zeker getal leden
gaan het lijk afhalen, en vergezellen het tot in de kerk
waar de lijkdienst gezongen wordt.
Voor de vrouwen zijn de schikkingen verschillend. Voor
haar wordt een Mis gelezen zoodra de dood is aange-
kondigd. Daarenboven, den eersten maandag van iedere
maand worden al de leden uitgenoodigd om eene generale
Communie te doen voor hare afgestorvene medezusters.
De zangafdeeling zingt onder die Mis waarin vier tot vijf
honderd leden tegenwoordig zijn en te Communie gaan.
In november 1888 deed de Z. E. P. De Winde, Rector
te St-Truiden, een groot Rouwkruis maken, dat bij de
dood van ieder lid der H. Familie, met den naam van
den Overledene in het koor wordt uitgesteld,en waaraan
Mgr de Bisschop 40 dagen aflaat heeft vastgehecht.
Te Amsterdam bezit het Genootschap eene prachtige
lijkbaar. Iedere maand wordt er eene Misgelezen voorde
overledenen der voorgaande maand; desniettegenstaande,
-ocr page 67-
Gereteeften£ en Voorrechten Der üeöen. 55
behoudt ieder lid het recht tot zijne Mis bij zijn afster-
ven. De leden der H. Familie houden veel aan die
maandelijksche Mis,en velen dragen in die omstandigheid
eene H. Communie op voor hunne afgestorvene mede-
broeders.
-ocr page 68-
ELFDE HOOFDSTUK
De vertakkingen der Heilige
Familie.
|1 ET Genootschap der Heilige Familie kon in de
stad Luik niet ingesloten blijven. Het zaadje,
in den luikergrond geworpen, is een mach-
tige boom geworden, wiens weelderige takken
de oude en de nieuwe wereld overlommeren. Overal waar
de kinderen van den H. Alphonsus zich kunnen vestigen,
planten zij naast het Kruis van den Zaligmaker het vaan-
del der H. Familie, en overal, zelfs in verafgelegene en
schier onbekende landen,is dit reddingswerk met vreugde
aanveerd geworden.
Ter gelegenheid des vijftigjarigen jubilé der H. Familie
is de Algemeene Bestierder van het Aartsbroederschap op
het gelukkig gedacht gekomen van een soortvan geslacht-
boom te doen schilderen van al de Genootschappen die
met het Moeder-genootschap van Luik verbonden zijn.
Op blauw damasten grond staat een boom met uitge-
spreide takken, op wiens toppunt zich op gouden drij-
lobbigen grond, de groep der heilige Familie verheft;aan
de licht rooskleurige takken hangen geelgroene opgesla-
gen schilden, die elk een land verbeelden waar het
Genootschap is ingeplant. Die schilden dragen in gothi-
sche letteren de namen der plaatsen welke met het
Hoofdgenootschap verbonden zijn. Op de vier hoeken
der schilderij ontvouwen zich perkamenten die de Pause-
lijke Breven nopens het Aartsbroederschap bevatten. Dit
kunststuk is het werk van onzen E. P. Servais.
Onmogelijk is het ons dit kunsttafereel dat 1298 namen
en vier documenten bevat, hier in het klein onze lezers
voor oogen te stellen. Wij moeten ons bepalen bij eene
lijst die ons een denkbeeld geeft hoe wonderbaar de Voor-
zienigheid het Genootschap heeft willen uiteenzetten.
-ocr page 69-
»e bertaft&fnBen Der. Eeilfge FamiHe. 57
Schotland.
23 genootschappen.
Victoria.
Haven
I genootsch.
Turkye.
1 genootsch.
Vrankrijk.
60 genootschappen.
Zwitserland.
1 genootsch.
Antillen.
I genootsch.
Groot-Hertogdom
Luxemburg.
66 genootschappen.
Hollandsche           Nieuw
bezittingen.—— Zeeland.-----
5 genootsch. 2 genootsch.
Sicilien. ------ Spanje.
5 genootsch. 2 genootsch.
Ierland.
123 genootschappen.
Australië.
II genootsch.
Oostenrijk.
5 genootsch.
Engeland.
138 genootschappen.
Zuid
Amerika.
5 genootsch.
Italië.
8 genootsch.
Holland.
179 genootschappen.
Canada.
10 genootsch.
Duitschland.
13 genootsch.
België,
575 genootschappen.
Vereenigde-Staten
Amerika. —
49 genootsch.
Pruisen.
20 genootsch.
LUI K.
Holland spant de kroon met zijne 179 (en indien men
er de Coloniën bij telt), met zijne 184 Genootschappen,
die omtrent allen bloeiend en voorspoedig zijn. Volgens
eene berekening in 1883 gedaan, telt men in al die
-ocr page 70-
58            eerste Deel. — Glfbe Eooföjitufi.
afdeelingen te zamen 108,000 leden, bijna allen met het
Aartsbroederschap van Luik verbonden.
De afdeeling der mannen telt tegenwoordig :
In Amsterdam 850 leden ; — Breda, 700 ; — Etten,
700 ; — Gastel, 810 ; — Gemert,7Ó8 ; — Helmond,769;
—  Kaatsheuvel, 790 : — Oosterhout, 730 ; — Haarlem,
574 ; —Nimegen, 560 ; —- Oud-Gestel, 780 ; —• Osch,
1000 ; — Oirschot, 750 ;— Tilburg, 985; — Uden,850;
— Utrecht, 720 ; — Wittem, 500 ; — Waalwyk, 725 ; —
Woensel, 1320 ;enz.
De afdeeling der vrouwen is betrekkelijk nog talrijker.
Amsterdam, 1000; — \'s Hertogenbosch, 1000; —
(2 afdeelingen) ; — Breda, 1420 ; — Maastricht, 1500;—
Nimegen, 1165 ; — Tilburg, 940 ; enz.
In andere landen heeft de Heilige Familie sedert vijf
en twintig jaar, ook verbazend toegenomen. Engeland,
Ierland en Schotland tellen te zamen 284 afdeelingen met
Luik verbonden, en voor Ierland alleen telt men 65
duizend leden.
België. Wij geven hier de berekening der verschillige
afdeelingen die door de Paters Redemptoristen bestierd
worden. De parochiale Genootschappen zullen wij in het
tweede deel bespreken.
1.  Luik. De afdeeling der mannen in 1844 gesticht telt
er ongeveer 700 leden. Die der vrouwen, in 1847 tot stand
gekomen, heeft meer dan 900 leden.
2.  Brussel. (Madalena kerk). De afdeeling der mannen
in 1848 opgericht telt 600 leden die maandag \'s avonds
vergaderen. — De vrouwen afdeeling in 1852 begonnen
telde 398 leden die hare opdracht deden in 1853; heden
telt die afdeeling 500 leden die \'s zondags om 2 ure
bijeen komen.
3.  Doornijk. — Mantien. De H. Familie werd er in
1848 opgericht onder het bestier van den E. P. Dechamps.
Zij werd hetzelfde jaar in het Aartsbroederschap ingelijfd.
Verscheidene plaatselijke redenen hebben er de ontwik-
keling des Genootschaps verhinderd ; onder andere het
groot getal sociëteiten die in de stad aan het mannenvolk
verzet en tijdverdrijf verschaffen.
Men telt er maar honderd leden, — 17 hebben in 1890
-ocr page 71-
De tocrtafiftfngcn Der Heilige Familie. 59
hun diploma van 25 jaar standvastigheid bekomen. De
129 leden die er sedert 30 jaar gestorven zijn, hebben
allen eene schoone en stichtende dood gehad.
Vrouwen. Deze afdeeling begon in 1848. Zij is zeer
bloeiend en telt ongeveer 525 leden. De E. P. Deleval
stelde er een zanggenootschap in dat aan de wekelijksche
vergadering veel leven bijzet.
4.  Bergen. Op het aandringen van Belletable had de
eerste vereeniging plaats den 19 maart 1849, m eene
kamer welke aan de Redemptoristen tot kapel diende.
M. Martigny, Studieprefekt in het Atheneum, was reeds
te Luik opgeschreven,en deed er dien dag zijne opdracht.
Het getal der leden klom in 7 jaren van 25 tot 180. —
De oproer van 1857 deed veel kwaad aan de Vergade-
ring: men moest de wekelijksche bijeenkomsten eenigen
tijd opschorsen. Toen men ze hernam boden zich slechts
15 mannen aan. Zeven jaren later waren zij 150 in getal.
Tegenwoordig zijn zij bij de honderd, die allen wel op-
passen. Zij vergaderen donderdag \'s avonds.
Vrou7t>en.Y)ezc hielden hare eerste vergadering in 1852.
In 1857 waren zij 350 in getal,en tellen heden 525 leden.
Zij is de bloeiendste onder alle genootschappen der stad
en houdt hare vereenigingen maandag \'s avonds.
5.  Sint-Truiden. DeH. Familie werd er gesticht in 1850.
Zij telde den ie januari 1894, 913 leden. Verscheidene
bazen hebben stellig beloofd het Genootschap weldra
met hun werkvolk bij te treden, zoodat men binnen kort
op duizend leden mag rekenen. — Er bestaat daaren-
boven voor de jongelingen van 12 tot 20 jaren eene Ver-
gadering genoemd de Aloysianen die ook zeer bloeiend
is en 310 leden telt.
Tot hiertoe bestond er in Sint-Truiden geen Heilige
Familie voor de vrouwen, wijl andere Congregatiën haar
geestelijk welzijn behertigen. Evenwel sedert vijfjaren
is er eene Heilige Familie voor de vrouwen tot stand
gekomen in de kerk van Sint Gangulphus.
6.  Antwerpen. Mamien. — De afdeeling der mannen
werd in 1858 ingericht en kwam het eerste jaar tot 275
leden : dit getal is altijd omtrent 300 gebleven.Het is
inderdaad moeielijk meer mannen aan te werven, vermits
-ocr page 72-
6o            eerste bed. — Glfbe Koofb£tiife.
\'s maandags op hetzelfde uur meer dan dertig soortgelijke
vergaderingen in de stad plaats hebben.
Daarbij bestaat hier ook sedert 1871 eene Vergadering
van jongelingen van 12 tot 20 jaar die meer dan 500 leden
telt, die hier bevrijd worden tegen de menigvuldige
gevaren van geloof- en zedenbederf welke in die jaren
zich zoo menigvuldig opdoen. Deze Vergadering heeft
gelijk de Heilige Familie haar jaarlijksch retret, en ver-
eenigt zich \'s zondags van 2 tot 3 ure.
Vrouwen. — Zij begonnen in 1859. Den 15 augustus
van dat jaar deden 230 vrouwen hare opdracht. Zij hou-
den hare vergadering \'s maandags om 5 ure \'s avonds.
Dit Genootschap, een der bloeiendste en vurigste der
gansche stad, telt 1000 leden die bezield zijn met eenen
waren iever om den eeredienst en liefde tot Jezus, Maria,
Jozef overal te verspreiden.
Het prachtig en kunstig gebeiteld altaar der H. Familie,
waarin al de Patronen der afdeelingen verbeeld zijn, en
dat wel zeventien duizend frank gekost heeft, is een
geschenk dezer Vergadering aan de Paterskerk.
7.  Brussel. — St. Jozefskerk. Mannen. Deze Verga-
dering werd in 1863 tot stand gebracht, dank aan de wei-
willende tusschenkomst der Paters van het Madalena
klooster. De vier en twintig eerste leden, die meestal als
Prefekten der nieuwe Vereeniging werden aangesteld,
gingen van deze laatste kerk tot de eerste over. In de
eerste opdracht die den 20 april plaats had, wijdden 131
leden zich aan Jezus, Maria, Jozef toe. Heden telt dit
Genootschap 325 mannen die geregeld iederen maandag
om 8 ure op hunnen post zijn.
De Vrouwenafdeeling begon te gelijk met die der
mannen. 30 leden van de Madalena kerk vergaderden in
Sint Jozefskerk, en den 20 april 1863, bij de eerste
opdracht, telde men reeds 252 deelgenooten. Heden telt
dit Genootschap 460 leden en 95 aspiranten.
8.  Roeselare. Mannen. Deze Vergadering ofschoon de
laatste ingericht, is eene der bloeiendste van al degenen die
door de Paters Redemptoristen in België bestierd worden.
Ingesteld door Monseigneur Faict, z. g., Bisschop van
Brugge, den 6 augustus 1874, werd zij den io derzelfde
-ocr page 73-
De tiertafeftirnjen Der Tsefftcre EnmiHe. 61
maand met de H. Familie van Luik vereenigd. Den 5
januari daaropvolgende deden 594 leden hunne opdracht
voor den Z. E. P. Provinciaal der Redemptoristen. Eene
maand later was er eene nieuwe opdracht van 170 leden,
en den 19 maart waren er builen deze 764 leden 200
nieuwe aspiranten. Eene zoo troostvolle voorspoed is
grootendeels toe te schrijven aan deze omstandigheid dat
de beste familiën der stad het zich tot eere rekenen van
deze schoone Instelling deel te maken, en alzoo werd het
werkvolk dezer nijverheidsstad door het voorbeeld hun-
ner meesters aangezet om zich ook onder het vaandel der
H. Familie te scharen. De Prefekten, die meestendeel
onder de welhebbende burgers zijn uitgekozen, hebben
de genegenheid hunner mannen zoodanig weten te win-
nen dat deze hunne afdeeling schier niet aanduiden dan
door den naam van hunnen Prefekt.
De Heilige Familie heeft hier bijzonder onder de wer-
kende klas onschatbaar veel goed gesticht.Toen dit Werk
nog maar pas begon, zeide een priester tot den E. P. Ree-
tor : « Het goed dat gij hier door de H. Familie doet is
onberekenbaar en moet in ieder rechtschapen hert eene
groote toegenegenheid doen ontstaan voor uwe Congrega-
tie. » — « Maar wat doet gij toch,vroeg een ander,die ook
eenen werkmanskring bestierde, wat doet gij toch om al
dat volk in uwe kerk te krijgen ? Voorzeker, door uwe
Heilige Familie doet gij te Roeselare al wat gij wilt. »
De jaarlijksche retretten die aan de Heilige Familie
worden gegeven, brengen ook de heilzaamste vruchten
voort. Onlangs zegde een advocaat die een der oefeningen
had bijgewoond: « Eerweerde Pater,ik moet u geluk wen-
schen. Wanneer ik ieder jaar die menigte mannen zoo ieve-
rig zie bijeenkomen, na eenen ganschen dag van zwaren
arbeid,zeg ik bij mij zelven : Dat is het ware antwoord aan
de socialisten. Neen, de ware leden der H. Familie zullen
nooit die volksbedriegers bijtreden. »
Sedert nieuwjaar is er ook te Roeselare een Congre-
gatie van jongelingen opgericht, die alle zondagen van 2
tot 3 ure vergaderen. Zij mogen tot geene andere Verga-
dering der stad toebehooren. Deze telt reeds 350 leden
en zal een kostbare kweekschool worden voor de Heilige
-ocr page 74-
62            eerjfte bed. — eifoe EoofDtfruft.
Familie, en voor de andere werkmansvergaderingen en
alzoo veel goed te weeg brengen.
De afdeelingder mannen telt meer dan duizend leden.
De vrouwen en jonge dochters maken twee talrijke afdee-
lingen uit eener Congregatie van O. L. V. van Gedurigen
Bijstand, aan Wie de kerk is toegewijd.
Ziehier de lijst der plaatsen waar het Genootschap der
H. Familie is opgericht, en met het Aartsbroederschap
van Luik in verband staat.
België.
1847.
Limont
Rosières
Othée
Bergen
Sint-Medardus
Sint-Remy
Nijvel
Tongeren
1848.
Sint-Truiden
i8S5-
Ans
1851.
Anderlecht
Blicquy
Limburg
Alle
Brussel
Mortier
Bertogne
Bolland
Reckeim
Dison
Burdinnes
Saventhem
Diest
Froithier
1852.
Heure
Laminerie
Dinant
Hotton
Montbliart
Esneux
Izel
Sougnez
Florennes
Mortehan
Doornijk
Grune
Roumont
Thimister
Laroche
Sibret
1849.
Nassogne
Sinsin
Boulez
Spy
Turnhout
Melin
i8S3-
Tenneville
Marneffe
Alleur
Tellier
Namen
Gent
Witry
Sart
Gent
1856.
Solwaster
Pondróme
Bièvre
Verviers
1854.
Barvaux-o/Ourthe
Waret 1\'Évêque
Bercheux
Beu zet
1850.
Bilsen
Carlsburg
Ath
Hallinnes
Fontenoille
Awan
La Deuze
Freux
Hendrik-Kapelle
Orgeo
Fanzel
-ocr page 75-
»c toettafiftfngen btt Eciffge Famfffe. 63
Vesqueville
Xhoris
1860.
Arbrefontaine
Bure
Fraiture
Groot Halleux
Malempré
Mechelen
Ochamps
Offagne
Pulle
Petithier
Stavelot
Sint-Antonius
Tignée
Tisselt
Vaux Chavanne
1861.
Bohan
Celles
Dions (Les)
Francorchamps
Ferrières
Felenne
Izier
Latinne
Leuven
Masbourg
Odrimont
Patignies-Malvoi-
sin
Petit Rechain
Thy Ie Baudhuin
Vencimont
Wellen
1862.
Assenois
Bois de Villers
Bilsen
Bourseigne-Neuve
Brussel (St-Jozef)
Deulin
Fraire
Grand-Rechain
Jehonville
Jevigné
Laneffe
Lierneux
Opont
Our
Oleye
Pousset
Sensenruth
Sevry-Javingue
Termes
Verleumont
Wincenne
1863.
Anloy
Bettincourt
Bouny
Bérismenil
Bovigny
Bruyères
Boirs
Crupet
Framont
Fexhe-Slins
Herve
Louette St-Pieter
Louette St-Denijs
Lamine
Meix(voorVirton)
Oizy-Baillamont
Profondeville
1864.
Anhée
Beaumont
Bombaye
Graide
Jenneret
Longlier
Mormont
Nettines
Ny
Ortho
Petithan
Sinte-Cecilia
Sint-Remy
Thuillies
Waillet
i8S7-
Bouillon
Bonnerue
Compogne
Charneux
Fronville
Léglise
Meerhout
Odeigne
Rendeux St-Lam-
bert
Rochehaut
Remagne
Samrée
Ucimont
Werwick
1858.
Antwerpen
Dieupart
Grimbergen
Neeroeteren
Stoumont
SartSte-Walburgis
Villers St-Siméon
1859.
Brugge
Leuven
Vlytingen
-ocr page 76-
64            eerste Deel. — elfde KoofDsftttfe.
1868.
Amonine
Brenchon
Bellevaux
Bellevaux(Restei-
gne)
Beffe
Belfontaine
Chéoux
Gènes
Gerdingen
Hodister
Halleux
Ichteghem
Jupille-Warisy
Lahaye (Bellefon-
taine)
Mirwart
Porcheresse
Resteigne
Borgworm
Weris
1869.
Cognelée
Clerken (bij Dix-
mude)
Campenhout
Eben
Eessen
Hamont
Hasselt
Houthalen
Helchteren
Landen
Les Tailles
St-Huibrechts-
Lille
Moinet
Mall-Sluysen
Neuvillers
Julémont
Lens St-Remy
Milmort
Merdorp
Sarolay
Thisnes
Tessenderloo
Ville en Hesbaye
Zarren
1866.
Borhon
Ciplet
Cortenbosch
O. L. V. Herstal
Lummen
Mechelen
Oreye
Sint-Andries
Ville du Bois
1867.
Arsirnont op Au-
velois
Brée
Berchem bij Au-
denarde
Bleid Gomery
Beausaint
Cowan
Diepenbeek
Ethe
Evelette
Filée
Genenbosch
Hampteau
Libois (Evelette)
Oppagne
Paliseul
Sclessin
Salm-Chateau
Berloz
Chastrée
Clermont
Cortessem
Denée
Emptinne
Fise Ie Marsal
Gimnée
Lens op Jecker
Louveigné
Lixhe
Lonzée
Mortroux
Matagne
Namèche
Noville
Ollomont
Sint Odilia
Provedoux
Rockelingen op
Jecker
Robelmont
Rosée
Sommerain
1865.
Avernas Ie Baud-
huin
Braives
Bierset
Blegny
Coursel
Dalhem
Dölhain-Lim-
burg
Feneur.
Grandville
Haelen
Hodeige
Housse
Hannèche
-ocr page 77-
De bertafefefnsen Der Eeflffle BamfHe. 65
Perwez
Verlaineo/Ourthe
Cortil-Wodon
Romerée
Vorsselaer
Kapel St-Laurens
Ruysselede
i873-
Ellewijt
Thildonck
Arville
Hornu
Velroux
Baisy-Thy
Hauwaert
Wacken
Forville
Lichtaert
1870.
Huccorgne
Nieuwenrode
Dilsen
Heverlé bij Leu-
Omezée
Havinnes
ven
Oostnieuwkerke
Haneffe
Lathuy
Reckem (Meenen)
Landen op Maas
Loenhout
Vladsloo
LenninckSt-Quin-
Putte
Vosselaer
ten
St-Mertens Len-
Westmeerbeek
Préalle
nick
Wolverthem
Pamel
Séron
1876.
Tubize
Scy
Casterlé
Waudrez
Sint-Joris
Handzaeme
Waarloos
Wambeke
Jonckershove
Wandre
Wuestwezel
Molhem
1871.
0. L. V. Waver
Marckeghem
Brugge
1874.
MefTe
Kortrijk
Auby
Montenaeken
Chénée
Kortrijk
Puers
Eijseringen Len-
Hoenenen
Perck
nik
Heyenbeek
Ramsdonck
Houthulst
Houppertingen
Rochefort
Lantremange
Hauwaert
Ryckevorsel
Westerloo
La Xhavée
Staden
1872.
Melckwezer
Zammel
Aije
Messelbroek
1877.
Brusthem
Oppuers
Brugge (stad)
Cortemarcq
Roeselare
Bisseghem
Houtmart
Thielt St-Marten
Edingen
Zout Leeuw
Thielt O. L. V.
Grimbremont (Li-
Lemprez
Zepperen
gnières)
Meuwen
i875-
Lignières
Meerbeek
Achel
Meuseghem
Rothem
Achter-Ooien
Pypelheide - Bois-
Smuid
Beersel
schot
Thienen
Beverst
Roy
Aartsbroederschap der H. Familie.
-ocr page 78-
66            Gerote btel — eiföc Koofbjsfmft.
Vliermael
1881.
Membruggen
1878.
Fayt-le-Franc
Pael
Beverloo
Hoesselt
Tilleur
Bergilers
Noville
Velm
Diest
1882.
1885.
Eden
Bovekerke
Aubel
Groote Spauwen
Brecht
Evère
Herderen
Butsel
Falisolle
Rebecq,Rognon
Exel
Hives
Rossem
Glons
Luttre
Rossignol
Herck St-Lam-
Oosthoven (Oud
Sint-Ghislain
bert
Turnhout)
Tongerloo
Schaften
Rhode St-Brice
Vechmael
Seraing
1886
1879.
Thourout
Beckerzeel
Fisenne (Soy)
1883.
Blauwput (Leu-
Groot Gelmen
Borght
ven)
lmpden - Wolver-
ChamplonFamen
- Berbroeck
them
ne
Houtain Ie Val
Jemeppe op Maas
Denderleeuw
Lanaeken
Meysse
Eijgenbilsen
Ophem
Mirwart
Gooreind
Riem pst
Nieuwrode
Godinne
Schuelen
Quaedmechelen
Ganshoven
1887.
Sart St-Eustache
Goyck
Antwerpen
Soy
Lombise
Basse-Waver
Tavigny
Moxhe
Cortembergh
1880.
Marloie
Cherq
Becquevoort
Merlemont
Evergnies
Corbeck-Loo
Ottenburg
\'s Graven-Voeren
Dixmude
Klein Gelmen
Gelinden
Ferrières-Courcel-
Rotselaer
Glabbeck
les
Suxy
Hoeleden
HollogneauxPier-
1884.
Herenthals
res
Blanniont
Houtain 1\'Evêque
Houthem St-Si-
Brusthem
Kersbeck
méon
Twee Akeren
Liézèle
Londerzeel
Geets-Betz
Lovenjoul
Mourcourt
Hundelghem
Oostham
Stevoort
Lize-Seraing
Rocour
-ocr page 79-
»e bertaftfifngen öer EefHge Famflfe. 67
Testelt
Oetinghen
Bierbeek
Weert Ste-Anna
Ohain
Beernem
1888.
Oostkerke
Droogenbosch
Berchem Ste-Aga-
Rouvroy
Pede
tha
Rhode Ste-Agatha
Schepdael
Cortenaken
1891.
Willebroeck
Castre (bij Hal)
Becelaere
1893.
Fontin
Dottignies
Freeren
Koekelberg
Engelmanshoven
Ruij broek
Miscom
Gent
Willebringen
Opwijck
Houthem
Oedelem
Ramsbergen
Knocke
Ukkel
Smeermaes
Ledeghem
Neerveld
(Lanaken)
Nieuwerkerken
Meldert
Meerbeek
Neer-Haeren
Opveld
1889.
Oplinter
Blanden
Capelle aux Bois
Oostvleteren
Heure Ie Tixhe
Moorseele
Runckelen
Rymenam
Vechmael
Rolleghem-Capel-
Wulpen
Watermael (Boits-
le
Wanghe
fort)
St-Jan bij Ieperen
Marcq
1S90.
Stockheim
Bulscamp-Moeres
Attenhove
Vliermael-Roodt
Audenaeken (Ber-
Astene
Wardamme
chem)
Dambrugge
Wygmael
Lek e
Dadizeele
1892.
Hoesselt-bij-Bil-
Genoels-Elderen
Bois Seigneur
sen
Neerlinter
Isaac
Holland.
Desnié la Reid
1851.
Vechel
1858.
Helmond
1854.
Horst
Nijmegen
\'s Hertogenbosch
1859.
1852.
Venlo
De Haag
Amsterdam
I8S5-
Oosterhout
Maestricht
Sassenheim
Schiedam
Roermond
1856.
1861.
i»S3-
Wittem
Breda
Tilburg
Ruyen
-ocr page 80-
68              Gerote Deel. — Glföe Eoofbjmift.
Terheyden
Vaals
Yzendyke
1874.
Dordrecht
Groot-Zundert
Gastel
Wassenaar
1875.
Beugen
1876.
Hoogerheiden
Meerssen
1877.
Delft
Maren
1878.
Kralingen
Overasselt
Oostburg
Oyen
Tegelen
1879.
Engelen
Zaltbommel
1880.
Eersel
Valkenberg
Leeuwer
Overloon
Zeeuwsch-Clinge
1881.
Berkel
Beverwyck
Echt
Gestel en Blaar-
them
Papenhoven - Gre-
venbricht
Rotterdam
Sprundel
Zegge
1871.
Chaam
Etten
Fijnaart
Ginneken
Prinsenhage
Riel ( bij Tilb.)
Standdaarbuiten
Teteringen
Ulvenhout (bij
Breda)
Zuiddorpe (bij
Hulst)
1872.
Alphen
Blerick
Gilze
Heerle (Wouw)
Ossenisse
Rijsbergen
Rapenburg
St-Jan-Steen
Volendam
Zierikzee
1873.
Aardenburg
Biervliet
Ede
Hengsdyk
Hoofdplaat
Koewacht
Klundert
Langenboom
(Escharen)
Oostburg
Sluis
1863.
Alkmaar
Breda
Delfshaven
Dongen
1864.
Gouda
Leiden
Steenbergen
1866.
Harlem
Leur
Sas-van-Gent
1867.
Beek
1868.
Baar-le-Nassau
Hulst
Lepelstraat
Ossendrecht
Venray
Zevenbergen
1869.
Gennep
Hoeven
Klein-Dongen
Molenschot
Ottersum
Rosendaal
Westdorpe
1870.
Axel
Bavel
Dorst
Heerlen
Hout (Ooster-
hout)
Nieuw-Namen
Oosteind
Rutphen
-ocr page 81-
»e bertaftftfngen Der Eeffffle FamfUe. 69
1882.
1886.
1889.
Nimegen
Berlicum
Breust-Eysden
1883.
Empel
1890.
Boxmeer
Geldrop
Baarlo
Boschkapelle
Graauw
Heer
Eindhoven
Kruisland
Linne
Gemert
Leende-
Montfort
Kaatsheuvel
Peij
Maasbrée
Lieshout
Roggel
Thorn
Luyksgestel
Schaijk
Wouw
Oerle
Schoonhoven
1891.
Waabre
Tholen
Heeze
1884.
Vinkei
1892.
Kerkrade
* Wycken
Afferden
Maasbracht
1887.
Delden
Hoorn
Bosschenhoofd
Hatert
1885.
Kwadendamme
Montfort
Budel
Middelburg
Oeffelt
Boxtel
Rotterdam
Purmerend
Goes
1888.
Ubach
Heienaven
Itteren
Neerkant
Kerkdriel
Boekei
1892.
Nederweert
Lamswaarde
Gronsfeld
Wyk aan Zee
Posterholt
Swalmen
VVessem
Steensel en Kneg-
Waalwijk
sel
Susteren
Hollandsche Colonien.
i«73-
1883.
1883.
Saba
Curacao
Coronie
1883.
Paramaribo 2
Batavia
Luxemburg.
1852.
Echternach
Mamer
Luxemburg
Ettelbruck
Remich
i»53-
Grevenmacher
Steinsel
Berburg
Junglinster
Wiltz
-ocr page 82-
7o            ecrjstc öeel. — Glfbe Eoofïtftuft.
1854.
Dippach
Surré
Beidweiler
Lendelingen
1864.
Bartringen
Mondez
Diefferdingen
Elfflingen
Nommern
1868.
Holtzen
Ospern
Oberpallen
Monnerich
Schifflingen
1872.
Pettingen
Wahl
Mördorf (Echter
Pettange
1858.
nach)
Saeul
Niederkirchen
. 1873.
Ufflingen
Niederkorn
Helzingen
i85S-
Siebenbrunnen
1874.
Asselborn
1859.
Madelena
Biwer
Bech - Kleinmac -
Rollingen
Everlingen
ker
i875-
Leuningen
Boxhorn
Bom ( Echter-
Oberkorn
Weiswampch
mael)
Oberkerschen
1860.
1878.
Wasserbillig
Diekirch
Bettenburg
1856.
Nieserbenlingen
Herborn
Esch
1861.
Vianden
Koptal
Elvingen
1880.
Strassen
Fuhren
Bondorf (Bigon-
i8S7.
Harlingen
ville)
Arsdoz
Holler
1887.
Bous
Kaundorf
Bruch
Clerf
Rumlingen
Vrankrijk.
1851.                      1852.            Fessevillers
Belherbe                Breurey-lez-Faver    Gournois
Cernay                       nay                               1854.
D\'Amprichard Écot                       Sint-Quinten
Lagrange Mandeure
                        l8S5.
Les Bresseux          Mathay                  Surrebourg
Maiche                   Ornans                             1856.
Mont de Vougney Sancy-le.-Grand       Boulogne-aan-Zee
Rosureux                         1853.            Kerprick aux bois
Surmont                 Dowaai                   Les Rivières
Vauclusotte            Écories (les)           Montrond
-ocr page 83-
»e rjerta&fttagen öet Kefifse Eamfife. 71
St-Nicolas-du- port
1861.
1872.
i857-
Graincourt
Remies
Mettelbonn
1863.
1874.
1858.
Rijssel
Parijs
Nevers
Roobaais
Parijs (Brd Ménil-
Parijs
1864.
montan)
Parijs
Sint-Augustinus
i87S-
Sint-Omer
1866.
Kales
Wallers
Armentiers
Tourcoing
Wimille
VVazemmes
1876.
1859.
1868.
Pau
Bailleul
Loon-bij-Rijssel
1886.
Iwui
1869.
Parijs(B\'d d\'Italie)
1860.
Henridorff
1883.
Duinkerke
Helchteren
Nancy
Fontainebleau
1871.
1888.
Murinais
Argentan
Rijsel
Engeland.
Rennes
1854.
1860.
1866.
Liverpool
Colchester
Carrick-an-Suir.
Londen
Londen (palace-
Londen
Winchester
street Westmin-
1867.
»«55-
ster)
Oldburg.
Clapham
1862.
Sheffield
Londen
Camberwell
1869.
Manchester
1863.
Londen (Com-
Rcedale
Londen (Stafford-
mercial Road east
Sint Oswalds
shire)
Melior Street Bor-
1856.
Suffran Hill
ough)
Yorck
Wolverhampton
Walker (neweathe-
1858.
1864.
on-Tyne)
Londen (Spital-
Birmingham
1870.
fields)
Birmingham
Birmingham
1859.
Oedham (Lanca-
Falham-London
Londen (Spital
shire)
Ogle Street-Lon-
fields)
don
-ocr page 84-
72            Gerote öeel. — eifbt Eooföstufi.
Towerhill London Cheltenham                     1880.
1871.              Huil (stad)             Aberdare
Poplar (Londen) Ledes
                     Blackburn
1872.              Leamington           Blackburn
Battersea (Lon- Liverpool
               Herwain
den)                   Liverpool               Huddersfild
1873.              Oldswan (Liver- Mountain-Ash
Glossop pres Man- pool)
                  New-cathe
chester                Whitworth              Swinton
Plymouth                         1877.                      1881.
1874.              Birmingham(stad) Kidderminster
Bristol (stad) Gateshead
              Liverpool
C a m b e r w e 11 Londen                  Lovenshulme
(New-Road (6 Spanish Pla- Manchester
Londen)
                 ce Manchester Neweathe Under
Elbwale                     Square)                  Tyne
Tredegar                Manchester (St- Reighley
1875.                  Bedes\' College- Ulverston
Boothe (Liver- AlexanderPark)
            1882.
pool)                  Skelmersdall           Kilburn (New Pri-
Blackhill                Wapping (Lon- ory London N.
Dewsbury                  den)                       W.)
Darlington Albert             1888.            Manchester
Hill                    Brigge                    Preston
Heckmondwike Barrow - In - Fur - Yorck
Huil (stad)
                 ness                              1883.
Hackney (Lon- Deptford (stad) Birmingham
den)                    Kensington            Bathey Carr
Londen 2. 375 Mi- Leeds (stad)           Whitby
Ie End. Road Liverpool (stad)               1884.
Londen St Jean Londen (39 Cla- Bolton
Ducar Tewate rendon Square) Castleford
Liverpool (Great Manchester
            Halme (Manches-
mercy street) Sunderland (stad) ter)
Montes Kerly
                  1879.            Middelsbors\'
NewnhamPaddox Birmingham Newcastle (stad)
Salford
                       (stad)                  Norwick
Seaham Harbour Cheatham (Man- Shurneas(Futney)
1876.                 chester)                        1885.
Baltey Jarrow-on-Tyne Bradford
-ocr page 85-
De bertaftfefngen öer Kdlfge Hamilfe. 73
Holoway (Lon-
Woolwick
South wark Lon-
den)
VVellington-quay
den
Hunslet (Leeds)
Washington
189c.
West Harlepool
1888.
Stella
1886.
Aspull Wigan
1891.
Bradford (stad)
Bishop Auckland
Manchester
Browfield (Brad-
Bradford (stad)
Rochdale
ford)
Carlisle (stad)
Workington
Huil (stad)
Sunderland
1892.
Jairfield
Yorck
Millon
1887.
1889.
Stalybridge
Soho Square
Newcastle-on-
1893.
Sunderland
Tyne
Schotland.
Felling-on-Tyne
1868.
Glasgow
1882.
Edimburg
Johnstone
Delbeatie
Lochée
Kingston (Glas-
1885
1870.
gow)
Glasgow
Leonoxtown
1879.
1886.
1876.
Dumfries (stad)
Marykill
Airdrie (stad)
Salt coasts
Paesly
Kilmarnock (stad)
1870.
1889.
1877.
Dalmellington
South Queens
Corth
Irvine
Ferry
Pollocks haws
1881.
1891.
(bij Glasgow)
Dundée (stad)
Barns
1878.
Newton Stewart
Elgin (stad)
Ierland.
1854.
Letterken ny
Uberford
Castlefin
Limerick
1860.
Clouleygh
Longswilly
Corck
Corck
i8S5-
1862.
Denougbuwa
Omagh
Coalisland
Dublin
Sesuzommel
1863.
Kinstown
Strahane
Ennystymon
-ocr page 86-
74            eerste Deel. — eifbe Booföjftuft.
Killarney
Lurjan
Portadown
Pontane (Dro-
gheda)
Resseponti (New-
Ross)
Thurles (stad)
1876.
Blackrock (stad)
Cappoquin
Cassel
Ennis (stad)
Fermoy (stad)
Rorstrern
(Newry)
1878.
Banbridge
Buren
Boudon
Charleville
Ferrybank
Kinsale (stad)
Letterkenny
Leitrem Castel-
wellen
Mays
Rew-Ross
Sosscarbery
Nkibbereen (stad)
Warrenpoint
1879.
Cookstown
Kilrush
Mitchelstown
Borrisoleigh
Ferrybank
Fethard
Glenavy
Lisburn
i873-
Athlone
Ballinasloe
Bellikelly
(New-Ross).
Ballinahinels
Crumlin (Road-
Belfast).
Punmore
Floreswood
(Newross)
Trim (stad)
1874.
Bally Jamesduff
(Virginia)
Corck
Dublijn SteCathe-
rine Meath
Kilkenny (stad)
Kilkenny (stad)
Longford
Limerick
i87S-
Armagh
Corck
Dublijn
Dublijn
Limerick
Newry (stad)
Tullamore (stad)
1876.
Besshook...
Birr (stad)
Dublijn (college
H. Kruis)
Dromuntée
(Newry)
Gasgony Drom-
gootal inferior
Kanturk
1864.
Enniscorthy
1766.
Mitchelstown
1867.
Dublijn
Killarney
1868.
Coolfancy
Cavan
Fagmon
Limerick
Mullinger
Ralhmines-Du-
blin
Tomacork
Wexford
Wexford
1869.
Tralee
1870.
Crossabeg
Enniskillen
Navan
1871.
Ballimanore
Blackwater
Clonroge
Enniscorthy
Newtownbarry
Queenstown
Rothkéale
1872.
Belfast (stad)
Belfast »
Belfast »
Belfast »
Kinstown »
Tramore
Tipperary
-ocr page 87-
»c toertafeftfngen öer Kefffge Famllfe. 75
Middleton
1882.
Dublijn
Newcastle
Kingscart
1888.
Nenagh
Lavey
Callan
Rillead
Maryborough
Rattnen
Templemore
Templemore
1890.
1881.
1884.
Kilkenny
Ochalia
Blarney
Duitschland.
1849.
Volmerange
1868.
Metz
1866.
Liederscheidt
1854.
Basse-Kontz
1890.
Boulay
Bousbach
Ringingen
1863.
1867.
1892.
Kerbach
Mulhouse
Walscheid
Niedervisse
Osthoffen
1864.
Guenkirchen
Pruisen.
1856.
Hambuch
1867.
Trier
1864.
Keil
i86r.
Zéwen
Lusch
Ruwer
1865.
Nehtelfangen
Reifenberg
Lieser
Zusch
1863.
1868.
1868
Bitburg
Emmerweiler
Bochum •
Bitburg
Fremmersdorf
Drohn
Bettingen
Mersig
1883.
Ehlenz
Oostenrijk.
Euren
1862.
1863.
1878.
Praag
Weenen
Eggenburg
1864.
Litan
Zwitserland.
1866. Vermes.
Prreworsk
\\V
Y
X
\\XÏ
vi
<|4
-ocr page 88-
76            eeijfte Deel. — Glföe üooföjmtfi.
Italië.
1856.
Frosinone (Paus.
Staten)
1863
Bossolingo
1864.
Cavalcaselle
1865.
Sint-Germanus
1868.
Galeazza
Sicilië.
1869.
Scifelli
1874.
Scifelli
1876.
Florentino
i875-
Caltanisetta
Vilalba
1876
Alcamo
1878.
Montismellis
Spanje.
1882.
Sicoliana
1883. La Nowa del Rey
1892. Palma
Turkije.
1889. Galata (Constantinopelen)
Afrika.
1876.
Bedford (Zuid)
Beauford (Zuid)
Grahams Town
(zuid)
Kingswilliams
Town (Zuid)
Port Elisabeth
»
Uitenhage »
1889.
Oran (Algiers)
Freetown
(west)
1890.
GraaffReinet(zuid)
Noord-A merika.
A.
Vereenigde-Staten.
1849.
Philadelphia
1850.
Détroit
Buffalo
Rochester
1851.
Baltimore
Pittsburg
I853-
Nieuw-Orleans
I8S5-
Nieuw-Orleans
i857-
Baltimore
Alleghang
Kenaska
-ocr page 89-
De bertafeftfngen öer Keflfge Famfïle. 77
1860.
Pekin
1889.
Chicago
Péoria
Philadelphia
Chicago
1883.
1890.
1861.
Péoria
New-York
Fort-Jennings
La Salie
1891.
New-York
1884.
West Hoboken
1862.
Baltimore
1892.
Baltimore
Cincinnati
Seattle
Baltimore
Loretto
1893.
Johnstown
1885.
Chicago
1863.
Plattsburg
Coldspring
Cumberland
1886.
Comestead
1878.
Philadelphia
Philadelphia
Danville
1887.
San Antonio
Pittsburgh (stad)
YVheeling
1880.
Mercer
Baltimore
1888.
Meaville
Allentown
Péoria
Fall-River (stad)
B. Canada.
1880.
1886.
St-Theodorus
Ste Anna de Beau-
N. D. des Eboule-
d\'Acton
pré
ments
1888.
1884.
Ste-Philomena
St-Aimé
Montréal
1887.
St-Aimé
Ottawa
St-Hyacintus
Zuid-Amerika.
St-Janvier
1872.
Lima (Peru)
Cuenca (Evenaar)
1892.
Santiago (Chili)
1891.
Riobamba (Eve-
Deleg(Evenaar)(I)
Buga (Colombia)
naar)
Antilles.
1860. St-Thomas (Denemark)
1. Deze twee laatste broederschappen zijn niet Luik nog niet ver-
bonden.
-ocr page 90-
78            eerste öeel. — etföe Etooföjftufi.
Australië.
1879.
Bathurst
1887.
Ballarat
Dara- B r i s
bane (\')
1885.
(St-Kilda Victoria)
Ste-Adelaidis
1891.
Hobart
Melbourne
1884
Newcastle
Melbourne
West Maitland
i*
Seelong
Nieuw-Zeeland.
1883. Hokitika 1888. Dunedin (stad)
Victoria-Haven.
1888. Mahé-Seychelles
1. In juli 1893 schreef Mgr de Aartsbisschop van Dara-Brisbane het
volgende aan den Algemeenen Bestierder van het Aartsbroederschap te
Luik. — Het Hoofd-Genootschap in onze cathedrale opgericht,
telt 1250 leden, verdeeld in 12 vereenigingen. Deze medebroeders hebben
met groote vreugde vernomen dat het Aartsbroederschap dit jaar zijnen
Gouden Jubilé gaat vieren, zij nemen van herte deel aan dit Jubelfeest,
en zenden U hierbij hunne kleine gift voor O. H. Vader den Paus.
Wij wenschen allen vuriglijk deel te mogen hebben aan de geestelijke
gunsten welke Zijne Heiligheid voorzeker met dit jubeljaar aan het
Aartsbroederschap zal vergunnen.
-ocr page 91-
TWAALFDE HOOFDSTUK
Het zilveren jubelfeest der
Heilige Familie. (1844-69).
[ET nederig zaadje, in den luiker grond gewor-
pen, was op vijf en twintig jaar een stammige
en weelderige boom geworden. In 1869 telde
het Aartsbroederschap 553 vertakkingen : 281
in België, 49 in Vrankrijk, 19 in Pruisen, 4 in Italië, 44 in
Holland, 55 in het Groot Hertogdom van Luxemburg,
28 in Engeland, 29 in Ierland, 4 in Oostenrijk, 20 in
Amerika, 1 in Zwitserland en 2 in Schotland, enz.
Het was die vijf-en-twintigste verjaardag welken de
Paters Redemptoristen van den4totden 12 juli in hunne
kerk te Luik vierden. Was het niet billijk God te bedan-
ken voor de zegeningen die Hij zoo ruimschoots over het
Aartsbroederschap had uitgegoten, en voor dien wónder-
baren vooruitgang gedurend dit vierde eeuws verwezen-
lijkt ? Was het niet hoogst betamelijk gratiën van
sterkte en vruchtbaarheid over het Werk aftesmeeken?
Niets ontbrak er om dit schoon feest op te luis-
teren. De kerk was prachtig versierd. Aan den ingang van
het hoogkoor was een schoone troon opgericht van vijf-
tien voet hoog, door vier pilaren ondersteund, waaronder
de groep der Heilige Familie te midden van eenen bloem-
hof stond te prijken. Tien meters hooger was aan het
gewelfsel eene overgroote rozenkroon vastgemaakt, waar-
uit liefelijke draperijen nederdaalden in de handen van
vier knielende engelen op de kornissen der kolommen die
den troon ondersteunden. Boven de kroon hing een
groote wimpel die in zijne golvende plooien dit jaarschrift
droeg :
Lsetare, Legla, Late JUBILante arCHIsoDaLItate
JesU, Marlse, JosephI.
Luik, verblijd u, het Aartsbroederschap Jezus, Maria,
Jozef jubelt met geestdrift.
•-
-ocr page 92-
8o eerste öceU — Ttoaalfbe BoofMuft.
Onder de groep der Heilige Familie stond tot blijde
herinnering het beeld van O. L. V., voor hetwelk de stich-
ters des Genootschaps 25 jaar vroeger hunne eerste
vereeniging hadden gehouden.
De kerk was ook in heerlijk en smaakvol feestgewaad
uitgedost. Lieve bloemenkransen verbonden de pilaren
des grooten beuks en de muurpilaren der zijbeuken. Tus-
schen de kolommen hingen rijke bloemkorven en aan de
kapiteelen prijkten zegeteekens met de wapenschilden der
landen waar de H. Familie is opgericht.
De godsdienstplechtigheden beantwoordden aan deze
luisterlijke versiering. Monseigneur de Montpellier, zijne
Vicarissen-Generaal, de Eerw.Paters Oversten der Jezuïe-
ten, der Carmelieten, de bijzonderste geestelijken der
stad, de Z. E. P. Provinciaal der Redemptoristen kwamen
dit feest met hunne tegenwoordigheid vereeren, en beur-
telings den plechtigen altaardienst voorzitten. Men had
de hoop gekoesterd Mgr Dechamps, Aartsbisschop van
Mechelen, te mogen bezitten: doch, daar het Zijne Hoog-
weerde onmogelijk was naar Luik te komen, zond hij
eenen schoonen brief welken wij hier gedeeltelijk over-
schrijven :
« Aan de Prefekten en Onderprefekten en aan de Leden
der Heilige Familie te Luik.
« Ja, ik herinner mij den dag waarop M. Belletable mij
voorstelde twaalf mannen van goeden wil in het huis
van eenen schrijnwerker te Luik te vereenigen.Ik herinner
mij den dag waarop die eerste getrouwe dienaars van
Jezus, Maria, Jozef, na een zeker getal leden aangewor-
ven te hebben, mij verzochten aan den Z. E. P. Von
Held te vragen om hunne vergaderingen in de bidplaats
van het klooster te mogen houden. Ik herinner mij nog
den dag waarop zij de Paterskerk zijn binnengedrongen,
en ook den dag waarop ik van Onzen H.Vader den Paus
Pius IX de Breve bekomen heb, waardoor de Heilige Fa
milietot deweerdigheid van Aartsbroederschap verheven
en met vele aflaten verrijkt werd. Al deze herinneringen
zijn mij des te troostelijker dat ik verneem hoe dit dier-
baar Aartsbroederschap zoo zeer heeft toegenomen,dat het
heden in de twee werelddeelen 553 vertakkingen telt.
-ocr page 93-
lïet sflberen <DcubeltTe£t öer EefHge "Bamilie. 81
« Pater Dechamps was zoo gelukkig in zijne cel. De
plaatsvervanger van Jezus Christus heeft hem eruit
getrokken om hem elders een zwaar kruis op te leggen.
Daarom moeten al de leden der H. Familie voor mij
bidden, opdat ik dat kruis kloekmoedig moge dragen, en
dat het mij diene om de legers der duivels te bestrijden,
want dat zijn ook groote bestendige legers.
« Ik reken op uwe gebeden, en zal u ook in de mijne
indachtig zijn. Ik vraag voor u hetgeen ik voor mij zelven
vraag : de volherding in de Heilige Familie, opdat wij
met de namen van Jezus, Maria, Jozef in het hert en
op de lippen mogen sterven.
« Ik zegen u allen en ben uw zeer toegenegene in
Jezus-Christus.
« >Jt Victor Augustus, Aartsbisschop
« van Mechelen, C. S. S. R. »
Die gansche week leverde de Paterskerk te Luik het
schoon en aandoenlijk schouwspel op van 800 mannen
die gezamenlijk baden, aandachtig het woord Gods aan-
hoorden, en hunne machtige stemmen in geestelijke
gezangen vermengden.
De zondag 11 juli is een bijzonder heugelijke dag,
in de Annalen des Aartsbroederschaps. Dien morgen
offerde Zijne Hoogweerdigheid de Bisschop de H. Mis
op, hield eene passende aanspraak, en deelde zelf de H.
Communie uit aan de honderde mannen die de kerk
vervulden.
Het was in deze omstandigheid dat de Bisschop, diep
getroffen door hetgeen hij kwam te zien, de reeds aange-
haalde woorden aan de Paters toestuurde: « Eerw. Paters,
de H. Familie is het bijzonderste werk dat uwe Congre-
gatie in België gesticht heeft: onderhoudt het zorgvuldig.»
De avondplechtigheden waren niet min aandoenlijk :
100 afgeveerdigden der belgische en meer dan 500 der
hollandsche Vergaderingen waren in den namiddag te
Luik aangekomen met 25 Bestierders. Om half acht
namen zij plaats in den grooten beuk der kerk; de luiksche
leden bekleedden de zijbeuken, en de priesters schaarden
zich in het voorkoor rond den troon. Men rekent dat er
Aarisbroederschap der H. Familie.
-ocr page 94-
82 eenfre bed. — TFtoanlföe Kooföjrtuft.
1400 man tegenwoordig waren om het Sermoon te aan-
hooren,dat beurtelings in het fransch en in het hollandsch
gedaan werd.
Wie zal de gevoelens van die menigte afschetsen die
daar aan de voeten van Jezus, Maria, Jozef, ingetogen
en ineengedrongen stond? Wie zal herzeggen wat in aller
herten omging toen de afgeveerdigden van zoovele Ver-
gaderingen, tot tee ken hunner verbintenis met de Moeder
Vergadering van Luik eenparig hunne opdracht aan de
Heilige Familie herhaalden, en dat die 1400 man met
trillende aandoening hunne beloften en verbintenissen
vernieuwden ?
Een oogenblik van plechtige stilte volgde op deze
aandoenlijke verklaring. Daarna gaf Mgr Mercy d\'Ar-
genteau, Aartsbisschop van Tyr, aan de menigte den
apostolischen zegen door den H. Vader voor deze om-
standigheid bijzonder vergund.
\'s Anderdaags (12 juli) werden deze onvergeetbare
feesten naar behooren gesloten. Om 6 ure \'s morgens na-
derden 800 man, waaronder 600 vreemdelingen, tot de
H. Tafel.— Om hunne gevoelens van liefdeen veikleefd-
heid aan Jezus Christus en aan zijne Kerk nog krach-
tiger te bevestigen, werd het volgend telegram aan Zijne
Heiligheid den Paus gezonden.
Aan Zijne Heiligheid Pius IX, Rome.
De vertegenwoordigers der hollandsche en belgische
Genootschappen verbonden met het Aartsbroederschap
van Luik, op dit oogenblik, ten getalle van 600 te Luik
vereenigd, om den vijf en twintigsten verjaardag der
instelling der Heilige Familie bij de Paters Redempto*
risten plechtig te vieren, brengen hunne eerbiedvolle
hulde aan Zijne Heiligheid, en vragen ootmoediglijk een
bijzonderen zegen voor al de Vergaderingen die met het
Moeder Genootschap van Luik verbonden zijn, en voor
ieder zijner leden in het bijzonder.
Willem Keyser,
Voorzitter der afgeveerdigden van \'s Hertogenbosch.
-ocr page 95-
Eet jfltimn Ortrbelfcejtt Der ïïcüioc Bamflie. 83
Weldra kwam het volgende antwoord van Rome terug.
De H. Vader bedankt uit ganscher herte de afgeveerdig-
den der Genootschappen der H. Familie van Holland en
België, thans te Luik vergaderd, en smeekt God om zijne
bijzondere zegeningen voor al de Vergaderingen die aan
het Aartsbroederschap van Luik verbonden zijn, en voor
elk harer leden in het bijzonder.
Kardinaal Antonelli.
Om aan het Hoofdgenootschap van Luik een treffend
bewijs hunner innige verkleefdheid te laten, stelden de
Hollandsche afgezanten voor, een vaandel te doen
maken dat in de kerk der Redemptoristen, als een altijd-
durend gedenkteeken hunner toegenegenheid en dank-
baarheid zou blijven ; dit voorstel werd eenpariglijk toe-
gejuicht. De schoone witte marmeren tombe die den
autaar der Heilige Familie versiert, en waarop de dood
van den H. Jozef kunstig is uitgebeiteld, is ook een
geschenk door de nederlandsche Genootschappen te dier
gelegenheid opgeofferd.
Van hunnen kant wilden de Paters Redemptoristen aan
de deelgenooten van dit schoon jubelfeest eene gedenkenis
laten. Zij lieten eene bronzen gothische medalie van
grooten vorm slaan, die bij de generale communie aan
ieder lid werd uitgedeeld. Eene soortgelijke zilveren me-
dalie werd aan de drij oudste leden, Jongen, Nélisse en
Gérard opgedragen (\').
Onze hollandsche medebroeders zijn gewoon beurte-
lings, het zilveren jubeljaar hunner Vergaderingen te
vieren. Bij deze gelegenheid schenken de Bestierders
eene zilveren medalie aan al de leden die sedert 25 jaar
hunne opdracht gedaan hebben.
In 1888 telde het Genootschap van Amsterdam 250
jubilarissen, die allen hunne zilveren medalie ontvingen
uit de handen van Mgr Schaap, Redemptorist, Aposto-
lischen Vikaris van Surinam (West-Indiën).
I. Karel Hacken was het vorig jaar overleden. Jongen leefde nog
twintig jaar. In de 45 jaar dat hij deel maakte van de H. Familie, was
hj maar 17 maal afwezig geweest. Hij stierf de dood der rechtveer-
digen den 26 augustus 1889.
-ocr page 96-
84 Gerote Deel. — JFtoaalfoe Eooföjftuft.
Elf jaar te voren had dit Genootschap zijn zilveren
jubelfeest gevierd (1852-77). Monseigneur Snickers, Bis-
schop van Haarlem (thans Aartsbisschop van Utrecht),
deed de plechtige Mis, waaronder hij zelf aan de talrijke
leden de H. Communie uitdeelde. Bij de avondplechtig-
heid waarin de E. P. K.Wulfingh een meesterlijk sermoon
deed, ontving Zijne Hoogweerdigheid de opdracht der
nieuwe leden en wekte hen in hertelijke woorden op tot
volherding in hunne schoone Vergadering.
-ocr page 97-
Ttoeeöe Deel
InuloeD Der Eeilige Familie Door
De gansc&e toerelD.
ET Genootschap der Heilige Familie is ons tot
hiertoe voorgekomen als een boom over eene
halve eeuw in den hof der H. Kerk geplant.
Die weelderige boom aardt en groeit overal.
Door vrome leeken geplant in 1844, werd hij door de
Redemptoristen opgekweekt, door Monseigneur Van
Bommel geënt en met sappig katholiek leven voorzien
(1845); en door Pius IX gezegend, werd hem eene won-
derbare vruchtbaarheid bijgezet. Het is immers geen
lustboom maar een fruitboom, en dewijl men den boom
aan zijne vruchten kent
(Matth., VII, 16) gaan wij die
vruchten hier wat nader beschouwen.
Welke vruchten heeft de Heilige Familie voortgebracht,
welk is haar invloed in de H. Kerk? Dit gaan wij in dit
tweede deel onderzoeken.
Wij kunnen deze zoo ruime stof niet beter verdeden,
dan met het oog te houden op deze merkweerdige woor-
den van Paus Leo XIII. In eene Breve door Zijne Hei-
ligheid in 1880 aan den Bestierder en de deelgenooten
der H. Familie te Limerick gezonden, leest men het
volgende : Uw Genootschap groeit immer aan, zoodat
het reeds in uw vaderland alleen, vijf en zestig duizend
leden telt; de ondeugden overwonnen, de zeden geregeld, de
godsvrucht opgewekt, de naastenliefde ontstoken en de vrede
hersteld daar waar voorheen de driften luoedden,
ziedaar
het goed dat de H. Familie gesticht heeft. Gaat dan tot
Maria, welbeminde zonen, gaat tot Jozef, en door hen
gaat tot Jezus.Gaat en neemt er anderen mede: dat God
uwen iever zegene tot verheerlijking der Kerk, tot welzijn
van uw Vaderland, tot zaligheid der zielen en tot vermeer-
dering moer eeuwige belooning.
(Breve van den 5 april
1880).
-ocr page 98-
86                                    TFtoeeDe Dec(.
Voorzeker niemand op aarde is meer bevoegd dan de
plaatsvervanger van Jezus Christus om de vruchten te
erkennen welke het Genootschap reeds heeft voortge-
bracht, en tevens in de toekomst te begroeten al de wei-
daden die door zijne gebeden en zegeningen op deze
instelling zullen nederdalen. En al die troostelijke ge-
volgen worden door den Paus zelf toegeschreven aan den
bijzonderen en zoo gunstigen eeredienst der Heilige Familie
die, over eenige jaren met zooveel bijval, onder de Belgeti
werd opgericht.
Wij gaan vervolgens trachten te toonen hoe het Ge-
nootschap der H. Familie bevordert: i° De verheerlijking
der Kerk, Het welzijn des Vaderlands, 3° De zaligheid
der zielen, 4° De vermeerdering der hemelsche beloo-
ning.
-ocr page 99-
fe^^^^^^^^-^^^^^-^^^^j
EERSTE HOOFDSTUK.
Het Genootschap der Heilige |
Familie bevordert de verheer- |
lijking der H. Kerk.          §
IT zal genoegzaam bewezen zijn wanneer wij
zullen getoond hebben datdedeelgenooten der
Heilige Familie van herte verkleefd zijn aan
onzen H. Vader den Paus, dat zij de gods-
dienstplechtigheden weten op te luisteren, en dat zij in
de parochiën de vurigheid onderhouden of opwekken.
ARTIKEL i. De leden der Heilige Familie
dragen onzen H. Vader den Paus eene ware
liefde toe.
In het voorjaar van iS83 droeg de stad Sint-Truiden
het hare bij om, gelijk de andere voorname parochiën van
het bisdom van Luik, het priesterlijk jubeljaar van den
Heiligen Vader naar behooren te vieren. De Redempto-
ristenkerk was prachtig versierd met wapenschilden en
zegeteekens,vlaggen,vaandels en wimpels waarin lands- en
pauselijke kleuren dooreen golfden. De Bestierder der
Heilige Familie zeide in begeesterde taal aan de negen
honderd man die rond hem geschaard waren dat een lid
der Heilige Familie, een dapper zouaaf moet zijn ten
dienste van Paus en Kerk. En ziet, die negen honderd
man staan recht en de hand naar het altaar uitgestrekt,
roepen eenpariglijk: Leve Leo XIII, Paus en Koning!
Dat deze kreet gemeend was, en uit het diepste des
herten kwam, bewijzen menigvuldige en treffende feiten.
Reeds in 1866,wanneer immer meer dringende gevaren
Pius IX bedreigden,zag men 6 leden der Heilige Familie
van Sint-Truiden de wapens opnemen en als Pauselijke
Zouaven hunnen beminden Vader ter hulp snellen : allen
onderscheidden zich in de veldslagen van 1867. Niemand
-ocr page 100-
88           TFtoecöe Deel. — Gerote EoofbjStufi.
zal het mij ten kwade duiden dat ik hier den naam van
mijnen broeder Lodewijk met aandoening nederschrijf.
Te Mentana werd een hunner doodelijk gekwetst en stierf
te Rome in het hospitaal den 24 november 1867. Te
Sint-Truiden zong de Z. E. H. Kanunnik Cartuyvels,
deken der stad, eenen plechtigen lijkdienst voor zijnen
roemvol gesneuvelden neef. In de kerk der Redemp-
toristen werd ook een prachtig rouwbaar opgericht, waarop
de namen der zegevierende slagvelden van Bagnorea,
Nerola, Monte Libretti en Mentana prijkten. Op de voor-
zijde hingen de Pauselijke kroon en sleutels met het
woord Jioma, en boven op de baar rustte een bloote
degen met lauweren omkransd.
Vergeten wij ook hier onze nederlandsche broeders niet.
De eerste hollandsche zouaven die naar Rome snelden
waren leden der Heilige Familie van \'s Hertogenbosch ;
duizenden hunner landgenooten volgden hun edelmoedig
voorbeeld.De verschillige Genootschappen der H.Familie
rekenen met fierheid verscheidene honderden hunner leden
onder het pauselijk heldenleger.De afdeeling van Amster-
dam alleen telde er twintig. Te Rome onderscheidden zij
zich door hun voorbeeldig gedrag, en op het slagveld zijn
er een groot getal voor de verdediging van Paus en Kerk
als martelaars gestorven.
Doch komen wij tot de stad St-Truiden terug. In het
zelfde jaar dat verscheidene harer zonen, tot verdediging
der Kerk naar Rome trokken, konnen de inzamelaars der
Sint-Pieterspenning bestatigen hoe diep de liefde tot den
Paus aan de leden der Heilige Familie ter herte ging :
zij zeiden immers: zoodra wij den voet in een huis zetten,
zien wij aanstonds of wij bij een lid der Heilige Familie
zijn. Daar immers hoeven wij niet te pleiten noch te
redekavelen, daar zijn wij verwacht, met vreugde ont-
vangen, en gulhertig begiftigd. Arme werklieden derfden
zelfs boter en strooiden wat zout op hun droog brood
om alzoo iets voor den H. Vader te kunnen uitsparen.
Toen in 1869 Monseigneur de Montpellier zijne bis-
schoppelijke stad verliet om zich naar de Kerkvergadering
van het Vatikaan te begeven, waren de afgeveerdigden van
al de katholieke Werken des Bisdoms in de hoofdkerk te
-ocr page 101-
De E. Bam. beiioröert De ber&eerlijft. Der E.Berïu 89
Luik vergaderd.De Heilige Familie van Sint-Truiden was
er vertegenwoordigd door hare zes en twintig Prefekten
en vele andere leden. Monseigneur hen zoo talrijk
ziende, verzocht hen in zijn bisschoppelijk paleis, en gaf
aan ieder eene gedenkenis zijner toegenegenheid.
In 1873 ontving M. advokaat Van Vinckenroy, thans
Burgemeester van Sint-Truiden en stichter der Heilige
Familie aldaar, uit de handen van Mgr de Montpellier
het eerekruis van Ridder der Sint-Gregorius Orde,voor de
bewezene diensten aan de Pauselijke Werken. Reeds van
te voren was M. advokaat Ulens, die ook lid en mede-
stichter der H. Familie was, met dezelfde onderscheiding
vereerd geworden.
In april 1874 werd er in Sint-Truiden een hoop
slechte boeken en vlugschriften rondgestrooid,en \'s nachts
heimelijk onder de deuren der huizen doorgeschoven.
Nauwelijks had de Bestierder der H. Familie, de onver-
geetbare Pater Gallis, den vijand aangewezen, of al die
vergiftigde schriften werden hem aangebracht om verbrand
te worden.
De leden der H. Familie, als ware kinderen der H.
Kerk, nemen deel zoowel in de beproevingen als in de
vreugde hunner Moeder.
Toen den 7 februari 1878 de dood van den welbemin-
den Paus Pius IX het gansche christendom in rouw
dompelde, toonde de H. Familie te St-Truiden op eene
voortreffelijke wijze hare deelneming in de algemeene
droefheid : zij verkozen den dag dien de wereld aan ijdele
en zondige vermaken besteedt,te weten den maandag van
Vastenavond, om eene generale Communie voor den
hooggeachten overledene op te dragen.
           ,
Eindelijk in 1888, ter gelegenheid der belgische Bede-
vaart naar Rome, kwam de H. Familie van Sint-Truiden
op het gedacht van een adres van gelukwensching aan
Zijne Heiligheid te zenden en het door de Bestierders
van al de godvruchtige Genootschappen der stad te laten
onderteekenen. Dit adres in rijke kleuren wonderschoon
afgezet door een uitmuntenden miniatuurschilder, M. G.
Schoofs, geheiinschrijver der H. Familie, werd door den
kunstenaar zei f aan Zij ne Heiligheid den Paus aangeboden:
*
-ocr page 102-
          Ttoeeöe öeef. — eerste Eoofo^tufi.
Dadelijk kwam het volgende antwoord van Rome
terug :
Den Z. E. P.Th. De Winde, Bestierder van het Genoot-
schap der H. Familie, te Sint-Truiden (Limburg).
Zeer Eerw. Pater,
Het liefdevol adres dat aan den Heiligen Vader ter
gelegenheid van zijn priesterlijk gouden jubeljaar door
het Broederschap der H. Familie, door de Derde Orde-
lingen van den H. Franciscus en door andere Genoot-
schappen zijn aangeboden, heeft zijn vaderlijk hert met
eene onuitsprekelijke vreugde vervuld. De algemeene
Vader der Ge\'.oovigen kon niet onverschillig blijven aan
die betuigingen van onwrikbaar geloof en diepen
eerbied voor den Apostolischen Stoel, van kinderlijke
verkleefdheid aan zijnen persoon, en bijzondere toegene-
genheid voor het Pausdom dat vele kinderen dier provin-
cie (Limburg) met dapperheid,ja. ten prijze van hun leven,
verdedigd hebben.
Zijne Heiligheid dankt God die in deze ware katholieke
herten zulke edele en verhevene gevoelens bewaart, en
smeekt Hem dat Hij den apostolischen zegen, dien zijn
plaatsvervanger op aarde hun verleent, door zijne godde-
lijke gratie gelieve te bekrachtigen.
En opdat deze hertelijke gevoelens van Zijne Heilig-
heid gekend worden door al degenen die van de voor-
gemelde Genootschappen deel maken, wend ik mij tot U
eerweerde, om u met deze zorg te belasten, en neem
tevens deze gelegenheid waar om mij met hoogachting te
noemen, uwen toegenegen dienaar.
Rome, den 17 mei 1888.
(Get.) Kardinaal Rampolla.
Het Aartsbroederschap van Luik had ook in 1872 een
blijk der vaderlijke toegenegenheid vanPiusIXontvangen.
Ter gelegenheid vanden vijf en twintigsten verjaardag der
verheffing der Heilige Familie tot den rang van Aarts-
broederschap, had de Bestierder aan den Heiligen Vader
den Apostolischen zegen gevraagd. De Paus bepaalde zich
-ocr page 103-
»c B.Fam. beborDert öe toerfteerlfjfi. Der E. Berïu 91
niet met deze gunst toe te staan en eenen vollen aflaat te
verleenen, hij geweerdigde zich op den brief die naar
Luik terugkwam eigenhandig te schrijven :
Benedicat vos Deus et opera vest ra bona. Servate sem-
per (auxiliante Domino) operarios in messe sancta, ita
ut omnes timeant et serviant Domino.
Pius PP. IX.
Dat God u en uwe goede werken zegene. Bewaart altijd,
met Gods hulp, de werklieden in den heiligen oogst opdat
allen den Heer vreezen en dienen.
Deze verjaardag werd ook door eene drijdaagsche
plechtigheid in de Madalenakerk te Brussel gevierd.
Monseigneur Cattani, apostolische nuntius, deed de
sluiting van dit jubelfeest. Zijn voorzaat, Monseigneur
Ledochowski, kwam ieder jaar de opdracht der nieuwe
leden der H. Familie voorzitten. En toen in 1871 de
gansche H.Kerk den vijf en twintigsten verjaardag vierde
van het pausschap van Pius IX, gingen al de Prefekten
en Onderprefekten van de Sint-Jozefskerk met hunnen
Bestierder, hunne hulde aanbieden aan Monseigneur
Cattani. Deze betuigenis van kinderlijke liefde jegens
den H. Vader, was den Nuntius zeer aangenaam geweest.
Ook zond hij \'s anderdaags de volgende woorden naar het
klooster: « Duizend maal dank aan de leden der Heilige
Familie die ter gelegenheid des pontifïcalen jubilé aan
Zijne Heiligheid hunne hulde zijn komen brengen. »
Het Genootschap der H. Familie van de Madalena-
kerk, ouder en talrijker dan dat van de Sint-Jozefskerk,
nam ook iedere gelegenheid te baat om aan Zijne Heilig-
heid den Paus zijne hulde te bewijzen, en achtte zich
gelukkig den afgezant des Pauses bij zijne godsdienst-
plechtigheden te bezitten.Toen het in 1866 met de afdee-
ling van Sint-Jozef in deze laatste kerk vergaderd was
om Zijne Eminentie den Kardinaal Reisach meer eer aan
te doen, zeide deze : « Ik zal den H. Vader zeggen dat ik
hier de leden der Heilige Familie vol iever, vurigheid en
liefde tot elkander gezien heb, en voorzeker zal de vader-
lijke ziel van Zijne Heiligheid daardoor grootelijks ge-
troost zijn. »
-ocr page 104-
92          Tütoecöe öcef. — eerste KootVtuft.
De Nederlandsche Genootschappen hebben zich altijd
bijzonder onderscheiden door hunne liefde tot den Plaats-
vervanger van Jezus Christus : altijd zijn zij de eersten
geweest om hunne verkleefdheid jegens den H. Stoel te be-
vestigen, en tegen de overweldigers der Pauselijke Staten
in te werken. Wittem, \'s Hertogenbosch en Amsterdam
voegden bij hunne zoo edele protestatie eene rijke gift,
en ontvingen van Pius IX dit zoo vleiend antwoord (\').
In 1870 zond de Heilige Familie van Amsterdam aan
den beroofden Opperpriester een hertroerend adres met
eene gift van 1700 frank. Zeven jaren later, toen Pius
IX zijn gouden bisschoppelijk jubeljaar vierde, zonden de
deelgenooten der H. Familie van Rozendaal hem een
adres van gelukwensching met eene gift van 350 frank.
Eindelijk toen Leo XIII, den 50*"=" verjaardag zijner
1. Aan onze dierbare zonen,N.N.C.SS.R.Bestierders en Deelgenooten
van het Aartsbroederschap der H. Familie, opgericht in de kerken der
Redemptoristen te Amsterdam, \'sHertogenboschen Wittem, in Holland.
Pius IX Paus.
Beminde Zonen, zaligheid en apostolischen zegen. — Met groote
vreugde hebben wij uwe brieven ontvangen, vol toegenegenheid, liefde en
eerbied tot ons, en tot den Stoel van Petrus. Wij hebben er in vernomen
welke droefheid en welke verontweerdiging u bezielt, bij het zien dier
goddelooze en heiligschendende aanslagen tegen ons vorstelijk gezag en
tegen het tijdelijke erfgoed vanden H. Petrus, gepleegd door de woe-
dende vijanden der Kerk en van den apostolischen Stoel. Tegen alle
rechtveerdigheid, hebben zij door verfoeielijke geweldenarijen alle
goddelijke en natuurlijke rechten onder de voeten durven treden.
De gevoelens, welke Gij ons te dier gelegenheid uitdrukt, zijn ons zeer
aangenaam geweest, zij verdienen de\'n grootsten lof, als zijnde de weer-
dige gevoelens van ware kinderen der Katholieke Kerk, en hebben ons
niet weinig getroost te midden der groote benauwdheden en bitterheden
die ons kwellen. Wij verlangen vuriglijk dat gij nooit ophoudet de vurig-
ste gebeden te sturen tot God, rijk in bermhertigheid, opdat Hij zulk
een schrikkelijk tempeest verdrijve, zijne Heilige Kerk aan zoo menig-
vuldige en zoo groote onheilen onttrekke ; dat Hij haar overal verheer-
lijke, en doe aangroeien door nieuwe en altijd grootere zegepralen, dat
Hij ons helpe en trooste in al onze kwellingen, opdat Hij door zijn
almachtig vermogen de vijanden der Kerk en van dezen apostolischen
Stoel inde wegen der waarheid, der rechtveerdigheid en der zaligheid
terugbrenge. Wij, van onzen kant, laten niet naden zeer goedertieren
God ootmoedig te smeeken opdat Hij in zijne goedheid den overvloed
zijner henielsche gaven over u nederstorte.Tot onderpand dezer gunsten,
en tot teeken onzer vaderlijke toegenegenheid geven wij u met liefde en
uit ganscher herte den pauselijken zegen.
Gegeven te Rome, bij Sint-Pieter, den 14 mei 1860. — Het veertiende
jaar onzes Pausschaps.
                                             Pius PP. IX.
-ocr page 105-
\'De Ti. Bnm.beiiorDert De tierfteerlijft. Der ïj. Kerft. 93
priesterwijding vierde, offerden de verscheidene Neder-
landsche Genootschappen aan Zijne Heiligheid een mis-
saal van 6000 frank.
Maar wat zullen wij van Ierland zeggen ? Daar is het
bijzonder dat al de leden der H. Familie iedere gelegen-
heid te baat nemen om hunne verkleefdheid aan den
Paus te toonen, en zij doen dit altijd met waren Ierland-
schen geestdrift.
In 1877 vierde de H. Familie van Limerick het bis-
schoppelijk jubeljaar van Pius IX. Een adres, ondertee-
kend door den Bestierder en de Prefekten, op perkament,
kunstig met kleuren afgezet, werd naar Rome gezonden.
De Paus was zoo gevoelig aan dit blijk der kinderlijke
liefde van die 3000 Ieren, geschaard onder het vaandel
van Jezus, Maria, Jozef, dat hij hun, op zijne beurt,
ook een treffend bewijs zijner voorliefde gaf. Hij zond hun
zijn portret in olieverf,rijkelijk ingelijst, met dit opschrift:
Fius IX aan de leden der H. Familie van Limerick. Deze
waren bijzonder gevleid door de woorden welke de Paus
zelf onder zijn portret geschreven had : Fax vobis (de
vrede zij met u).
Het Pauselijk geschenk kwam den 10 Juli te Limerick
aan. In de twee volgende vergaderingen werd het portret
van Pius IX processiegewijs in de kerk rondgedragen.
Doch dit was hun niet genoeg: de gansche stad moest
aan hunne vreugde deel nemen : de straten werden schoon
versierd, en het pauselijk geschenk werd zegevierend in
processie de stad rondgedragen. Bijzondere treinen brach-
ten er eene menigte vreemdelingen naartoe, en men
rekent dat er wel honderd-duizend geloovigen aan die
plechtigheid deel namen.
Later zal er nog iets grootscher ter eere van Leo XIII
gedaan worden : doch haasten wij ons den lezer den
schoonen brief mede te deelen welken deze groote
Paus den Bestierder der H. Familie van Limerick in 1880
toezond.
Aan onze dierbare zonen Hendrik Berghmans, priester
der Congregatie des Allerh. Verlossers, Bestierder des
Genootschaps van de Heilige Familie, in de Sint-Alphon-
-ocr page 106-
94          Tütoeeöe Deel. — eerste Booföjttuft.
sus\'kerk opgericht, en aan de leden van dit Genootschap
te Limerick (Ierland).
Leo XIII Paus.
Beminde Zonen, zaligheid en apostolischen zegen.
De hoogmoed die begint met God te verzaken, en
waaruit alle zonden voortvloeien, na den strijd in den
hemel te hebben doen ontstaan, en op de aarde de dood
met alle slag van onheilen gebracht te hebben, schijnt
hedendaags de Maatschappij te willen vernietigen met
alle goddelijk en menschelijk gezag omver te werpen.
En even gelijk de helsche geest door de woorden gij zult
als goden zijn,
onze eerste ouders verleidde en hun van
de verboden vrucht deed eten, zoo ook op onze dagen,
door valsche beloften van vrijheid, vermaken en rijk-
dommen, spoort hij de volkeren aan om alles overhoop te
smijten, en doet in de geesten en gemoederen eene zoo
onverzadigbare hebzucht ontstaan dat eene goddelijke
macht alleen bekwaam is om hen tegen te houden, te
bedaren en tot betere gevoelens te brengen.
Doch, om deze verandering te bekomen die Gods
almachtige hand alleen kan teweegbrengen, en die een
grooter mirakel is dan al wat in de orde der natuur won-
derbaarkan voorkomen, kon men niets geschikter verkie-
zen dan dien bijzonderen eeredienst der Heilige Familie
die over eenige jaren in België werd ingesteld, en door
de Bisschoppen en door den H. Stoel aangemoedigd en
geprezen is geworden. Inderdaad in deze zeer Heilige
Familie ziet men met wonderbaren glans\' al de deugden
schitteren die aan deze groote wanorden tegenstrijdig
zijn : daarenboven, de bijzondere eeredienst dien^men
aan Jezus, Maria, Jozef bewijst, leidt ons tot God van
Wien alle macht en orde voortkomt en zulks geschiedt
door degenen die Hem in den hemel het dierbaarste
zijnde, als schatbewaarders zijner bermhertigheden zijn
aangesteld.
Hoe krachtdadig die eeredienst is, ondervindt uw
Genootschap op eene zienlijke wijze.
Al de pogingen welke de goddeloozen aanwenden,
verre van uwe Vergadering te verminderen, doen haar
-ocr page 107-
Del*. Fam. beborDert De lierhcerffjft. öer K.Berfc. 95
integendeel meer en meer toenemen, zoodanig dat zij in
uw land alleen reeds vijf en zestig duizend leden telt,
waaronder zij de ondeugden heeft uitgeroeid, de zeden
geregeld, de godsvrucht opgewekt, de naastenliefde ont-
stoken,en vrede en eendracht hersteld daar, waar te voren
niets dan onstuimige driften woedden.
Gaat dan tot Maria, dierbare zonen, gaat tot Jozef,
en door hen, tot Jezus. Gaat en neemt er anderen met u
mede : alzoo zult gij aan de zielen uwer broeders die in
gevaar zijn, veel goed doen ; wendt alle pogingen aan om
uw werk, dat reeds zoo wonderveel goed gedaan heeft,
(uwe afgedwaalde landgenooten moeten het zelf bekennen)
meer en meer luister bij te zetten ; geeft alzoo door uw
Genootschap een zonneklaar bewijs dat er niets geschikter
is dan de katholieke godsdienst om de orde te herstellen
en te handhaven, en dat er geene bevrediging mogelijk is
dan met God en de wettige overheid te eerbiedigen, en
de naastenliefde te onderhouden.
Dat God uwen iever begunstige tot de verheffing zijner
Kerk, tot welzijn van uw vaderland, tot zaligheid uwer
zielen, en tot vermeerdering uwer eeuwige belooning. Als
onderpand dezer hemelsche gunsten, ontvangt den Apos-
tolischen zegen welken wij blijde zijn te geven aan u
allen, dierbare zonen, als betuiging onzer vaderlijke
goedgunstigheid.
Gegeven te Rome, bij Sint-Pieter den 5 april 1880, het
derdejaar onzes pausschaps.
Leo XIII, Paus.
Iedereen beseft hoe belangrijk dit stuk is. De Paus zegt
daarin dat het Aartsbroederschap niet alleen verdient
aangemoedigd te worden, maar dat het voor de tijdsom-
standigheden wondergoed geschikt is.
De Heilige Familie van Limerick nam weldra de gele-
genheid te baat om hare dankbaarheid te betoonen. In
1881 tijdens de jubilé door Zijne Heiligheid vergund,
* stelde zij eene groote bedevaart in tot het Heiligdom
van Melleray-Berg. Op zondag 11 september was de
gansche stad in feest, nooit had men de straten en de
huizen zoo overvloedig bevlagd en versierd gezien. Een
-ocr page 108-
96            TFtoceöc Deel. — Gerote Koofustuft.
prachtige stoet werd ingericht waarin de Burgemeester
met de gilde in kostbare rijtuigen plaats nam. De 4000
leden der Heilige Familie in schoone en stichtende orde
gerangschikt, verwekten iedereens bewondering. Niette-
genstaande die ontzaglijke menigte, was in de stad alles stil
en rustig. Dit was des te meer te bewonderen dat
\'s zondags tevoren die zelfde straten in woeste opschud-
ding geweest waren : soldaten, politie en burgerij waren
in afgrijselijke wanorde handgemeen geweest, en overal
had het bloed gestroomd. Om zulke geweldenarijen
te voorkomen, hadden de leden der Heilige Familie
malkander beloofd van geenen voet in eene herberg te
zetten, en allen hielden hunwoord.
Zeggen wij ten slotte nog een woord over het feest dat
de H. Familie van Limerick inrichtte om het gulden
jubeljaar der priesterwijding van Leo XIII in 1887 te
vieren. Al de medebroeders der omliggende steden wer-
den tot eene heerlijke processie uitgenoodigd : van
heinde en ver, kwamen er niet min dan 14 Genootschap-
pen. Te midden dier duizende mannen, die al biddend en
al zingend vooruitgingen, werden de vaandels, standaarden
en beelden van de H. Familie, van Sint Patricius, van het
Kind Jezus, en de beeltenis van O. L.V. van Gedurigen
Bijstand en van O. H. Vader den Paus plechtig en zege-
vierend rondgedragen.
ARTIKEL II. De leden der Heilige Familie
verheffen de godsdienst-plechtigheden.
De Kerk, die overtuigd is dat men de zinnen moet tref-
fen om indruk op den geest te maken, weet door hare
godsdienstplechtigheden, de volkeren te onderwijzen en
te bekeeren. Immers door die grootsche vertoogingen
wekt zij het gevoelen op, en treft de herten terwijl zij het
verstand tot overtuiging brengt. Daarom zijn de kerken
zoo prachtig, de kerkgezangen zoo indrukwekkend, en de
ceremoniën zoo luisterlijk. De fraaie kunsten vinden daar
een ruim veld ter ontwikkeling, en het kerkgewaad, de
-ocr page 109-
X)eB. Fam. DeVjoröert De rjer&eeriijk. Der B. Berk. 97
houding, de gebaren, het gaan en staan der priesters en
levieten, alles is, tot in de kleinste omstandigheden, door
haar geregeld en voorgeschreven. Ook kunnen en mogen
de geloovigen aan die plechtigheden bijdragen. Zij nemen
plaats in de processiën, wanneer de groote God in zijn
Sacrament verborgen,in onze straten wordt rondgedragen.
Zij scharen zich rond het vaandel der Moeder Gods en
der Heiligen in onze bedevaarten ; zij gaan beurtelings
wacht houden aan den voet der altaren in de plechtighe-
den van het Veertig Uur Gebed.Het is aan al die verschil-
lige godsdienstige oefeningen dat wij de leden der Heilige
Familie gaan zien deelnemen.
I. De Processiën.
Het is iedereen bekend hoe het menschelijk opzicht
eertijds als een dwingeland onzegroote steden beheerschte.
Bitter klein was het getal der geloovigen die Onzen
Lieven Heer in de processiën durfden vergezellen. Die
tijd is voorbij : « De Heilige Familie, zegt een gevierde
schrijver (\'),heeft er durven voor uitkomen om het Heilig
Sacrament in de processiën te vergezellen. Ziet die lange
reien die in den stoet, met de flambeeuw in de eene hand
en den Rozenkrans in de andere al biddend vooruit trek-
ken. Het volk erkent ze : het zijn de mannen der Heilige
Familie. Hun voorbeeld sticht en wekt op tot het gebed...
Welke zegepraal! » Tien jaren later werd er een Congres te
Luik gehouden tot bevordering van den eerdienst
tot het H. Sacrament. Een uitmuntende leeraar der
Universiteit, M. G. Kurth, sprak er met groote vrijmoe-
digheid over de luiksche processiën. « Mijnheeren, zeide
hij, al moest ik hier den eenen of den anderen in zijn
vaderlandsliefde krenken, ik moet toch zeggen, dat de
eerste processie, die ik te Luik gezien heb, mij ontsticht
heeft. Te midden uwer schoone wandelplaatsen, met een
alderschoonste weder, zag ik een heel klein processieken :
eenige bruidjes, de leden der Heilige Familie en de
priesters, en dat was alles. Da processiën zijn dus samen-
1. M. A. Djlm^r, Algemeene vergadering der katholieke vverkzaamhe-
den in het Aartsbisdom van Mechelen, 1889, bl. 189-91.
Aartsbroederschap der H. Familie.
-ocr page 110-
98           JDtoeeöe Deel. — eerjste Boofbjstufi.
gesteld uit eenen groep mannen der Heilige Familie (het
zijn altijd dezelfde gezichten die men in al de processiën
aantreft), en uit eenen grooten hoop kinderen die naar de
processie als naareene kermis gaan. Maar wij, wij zijn er
niet, wij mannen die het maatschappelijk gezag vertegen-
woordigen en die moesten daar zijn om het goed voor-
beeld te geven en de menigte mede te slepen. »
Dat men in de processiën altijd de zelfde gezichten
ontmoet, komt hieruit voort dat verscheidene pastoors der
stad de Heilige Familie op hunne processiën uitnoodi-
gen. Deze uitnoodiging wordt door den Bestierder in de
niaandagsche vergadering medegedeeld, en vindt hen
altijd bereidwillig.
Hetgeen M. Kurth in eene afzonderlijke vereeniging
gezegd had, werd door M. W. Verspeyen nog met meer
kracht en nadruk in de algemeene vergadering bevestigd :
— « Het moet hier rechtuit durven gezegd worden, al
ware het slechtst om met deze openbare belijdenis zijne
bekeering te beginnen. De invloedhebbende katholieken
hebben in te groot getal onze processiën van het Allerhei-
ligste Sacrament verlaten. Hunne plaatsen in den konink-
lijken stoet die onzen Heer Jfzus Christus begeleidt,
blijven onaangevuld.
« Dat is een ongeluk, Mijnheeren, en een groot onge-
luk, want dat bewijst dat het Geloof verzwakt en de
karakters verlagen. Een van twee : ofwel hebt gij geen
geloof genoeg in de tegenwoordigheid van Jezus-Christus
in het H. Sacrament, om uw geloof door uw gedrag te
bevestigen; en zijt gij dan wel weerdig den naam van
Katholiek te dragen ? ofwel gij gelooft aan dit hoofdpunt
van onzen H. Godsdienst, maar hebt den moed niet om
uw geloof openbaar te belijden : beoordeelt dan uw
eigen zelven en zegt mij of uw handelwijze anders dan
lafhertig kan genoemd worden ? »
Die woorden gingen de toehoorders door het hert :
\'s anderdaags maakten 800 man der H. Familie van St-
Truiden en van Luik deel van den schoonsten stoet
welken Luik sedert jaren gezien heeft. De heeren van
Sint-Vincentius a Paulo waren er ook in feestkleeding, en
hebben sedert dien tijd, ieder jaar de processie van het
-ocr page 111-
X>e E. Ham. beboröert De berfteerltjfc. öer U. Berk. 99
Allerh. Sacrament met eene flambeeuw in de hand bij-
gewoond.
Te Sint-Truiden maken meest al de leden der H. Fa-
milie deel van \'t een of \'t ander parochiaal Broeder-
schap, bij dewelke zij zich in de processie aansluiten.
Zoodat zij als leden des Genootschaps niet stoetsgewijs
in de processie verschijnen.
Te Brussel maakt de H. Familie der Madalenakerk
ieder jaar deel van de processie van Sinter-Goele en van
Sint-Jacobus op Koudenberg.
In Holland zijn het ook de leden der H. Familie die
overal in de processiën van het Allerh. Sacrament de
eerste plaats bekleeden.
De H. Familie van Wittem gaat ieder jaar op Witten
Donderdag processiegewijs naar Meersen om daar
Jezus in het graf te vereeren.
II. De Bedevaarten.
Het leven van een christen mensch is als een bede-
vaart hier op aarde. Jezus met zijn kruis gaat voorop,
en alwie wil zalig worden moet Hem volgen. De vanen
en standaards zijn als de zegeteekens der overwin-
ningen door de Heiligen behaald, om ons tot den strijd
aan te moedigen. Onder het geleide der priesters die
door God zijn aangesteld als onze geleiders en leer-
meesters, gaan wij al biddend en zingend voort tot dat
wij eindelijk het doelwit onzer bedevaart hier op aarde
bereikt hebben, en hopen in te gaan in de rust en vreugde
des Heeren.
In zijne Encykliek van den 1 sept. 1883 sprak
O. H. Vader Leo XIII aldus : « Wij geven onze volle
goedkeuring aan die plechtige ommegangen die de Broe-
derschappen van O. L. V. van den H. Rozenkrans ge-
zamenlijk in de steden doen. » Dit gebruik is van
ouds door onze voorvaderen gepleegd. Vele leden der
Heilige Familie maken deel van die Broederschappen.
De bedevaarten zijn ook zeer in gebruik onder de
deelgenooten van ons Aartsbroederschap.
Sedert 1880 doet de H. Familie van Limerick een
jaarlijksche bedevaart naar Knock. Zij zijn gewoonlijk
-ocr page 112-
ïoo JFtoeebe öeel. — Gtigte EoofVriift.
meer dan 500 in getal en leggen met groote godsvrucht
al biddend en al zingend den weg*af; er zijn er die nuchter
vertrekken om in het Heiligdom van Knock te kunnen
communiceeren.
Ieder jaar gaat de Heilige Familie van Antwerpen
naar Scherpenheuvel en naar Oostakker. Deze bedevaar-
ten zijn zeer talrijk en zeer stichtend. Gewonelijk offert
men een geschenk aan O. L. V. en doet een kind,
aan de goede Moeder eene aanspraak die menige traan
van aandoening doet storten.
Het Genootschap der Madalenakerk te Brussel gaat
ook ieder jaar het een of het ander heiligdom van Maria
in den omtrek der hoofdstad bezoeken. Dan eens naar
Alsemberg, dan naar Scheut of naar Hal. Daar wordt dan
veel gebeden voor den Paus, voor de zieken, voor bekee-
ringen, of om persoonlijke weldaden te bekomen: velen
communiceeren in het vermaard heiligdom. Die bede-
vaarten die al biddend worden afgelegd, strekken tot
stichting van allen die ze zien voorbij trekken.
De Heilige Familie van Sint-Truiden doet jaarlijks
hare bedevaart naar O. L. V. van Cortenbosch, vermaard
door menigvuldige mirakelen. Zij ook verschijnen niet
in het huis van God met ledige handen. Telkens brengen
zij eenig geschenk mede dat het heiligdom hunner Moeder
kan versieren en dienstig zijn. Schoon versierde waskeer-
sen, lampen en luchters of eenig schoon kerkgewaad.
Het Genootschap van Rozendaal doet zijne jaarlijksche
bedevaart naar O. L. Vrouw van \'t Zand te Roermond.
Ook wordt er door de mannen, die 450 in getal zijn, een
bedeweg afgemaakt naar ten Briel om er de Martelaars
van Gorcum te vereeren. Onze noord-brabandsche verga-
deringen komen daar ook processiegewijs naartoe.
Te Luik bestaat het gebruik niet in de H. Familie van
stoetsgewijs bedevaarten te doen. Evenwel zijn er weini-
gen die jaarlijks O. L. V. van Chèvremont of O. L. V.van
Scherpenheuvel niet gaan bezoeken. In 1890, ter gelegen-
heid der plechtige Kroning van O. L. V. van Tongeren,
zijn er 230 vrouwen en 100 mannen der H. Familie van
Luik aan die onvergetelijke feesten gaan deel nemen.
Processiegewijs, met het schoon vaandel der H. Familie
-ocr page 113-
De K. Fam. beboröert De berf)eeritj&. Der E. Berfe. 101
aan hun hoofd, trokken zij zingend en biddend de aloude
stad binnen, en offerden eene overgroote waskeers aan
O. L. Vrouw. Iedereen bewonderde de eerbiedige en
stichtende houding der bedevaarders.die met de grootste
devotie voor het mirakuleus Beeld kwamen bidden en
de Heilige Relikwiën vereeren.
De talrijke leden der Heilige Familie van Roeselare
doen jaarlijks hun bedevaart aan O. L. V. van Dadizeele.
De prachtige kerk, die men er bewondert, is gebouwd op
bevel van Mgr Malou, z. g., Bisschop van Brugge, als een
gedenkstuk der verklaring van het Geloofspunt der On-
bevlekte Ontvangenis. Deze bedevaart is gesteld op den
eersten zondag van mei. Van 6 uren \'s morgens wordt het
vertrek door het geschal der trompet aan de deur der
Paterskerk aangekondigd. Zeven, achthonderd man met
de medalieder Heilige Familie op de borst, den Rozen-
krans in de hand gaan langzaam al biddende vooruit
met opgehevene vaan en standaarden. — De Heilige
Familie van Dadizeele komt hare medebroeders afhalen,
en de Bestierder doet dè H. Mis. Nadat zij hunne de-
votie voldaan hebben komen zij in dezelfde orde zingend
en biddend terug om in de Paterskerk den zegen van het
Allerheiligste te ontvangen.
III. De Gedurige Aanbidding.
Sedert verscheidene jaren gaan een aantal leden der
Heilige Familie der Madalenakerk te Brussel hun
maandelijksche aanbiddingsuur doen in de kerk van het
Heilig Sacrament van Mirakel (Salazar).
Reeds van in 1886 telde men 200 leden die zich had-
den laten opschrijven en aan hunne verbintenis getrouw
bleven. De Damen der Gedurige Aanbidding zagen in
dit schoon voorbeeld eene aanmoediging en gaven uit
dankbaarheid een kazuivel ten geschenk aan de Mada-
lenakerk.
Twee jaar later was het getal der aanbidders verdubbeld:
ziehier wat wij desaangaande lezen in de Annalen des
Genootschaps der Gedurige Aanbidding: (febr. 1888).
« Het Genootschap van Brussel is sedert een jaar bij-
zonder getroost geweest door de loffelijke pogingen die
-ocr page 114-
io2 Jütneeöe öeel. — Gerote EoofVtiift.
aangewend zijn om het getal der aanbidders in de Boet-
kapel te vermeerderen. Velen hebben zich tot een vaste
uur van aanbidding verbonden. Vijf honderd leden der
H. Familie (300 mannen en 200 vrouwen) zijn ons door
de Paters Redemptoristen aangebracht, en moeten het
Hert van Jezus bijzonder aangenaam zijn, wijl het meestal
werklieden zijn die aan hunne rust of aan hunnen ver-
zettijd des zondags de uren onttrekken die zij voor het
H. Sacrament komen doorbrengen. De kaarten die alle
maanden aan de aanbidders worden toegezonden, en
door hen in hunnen bidstoel teruggelegd, bestatigen dat
iedereen zijn uur stiptelijk onderhoudt. Daarenboven,
zijn er 50 tot 60 leden der H. Familie die in de Salazar-
kerk den eersten zondag van iedere maand om 9 uren
\'s avonds aan de processie deel nemen. »
Te Luik bij de Damen der Gedurige Aanbidding zijn
er ook 125 deelgenooten der Heilige Familie die maan-
delijks op gestelde uur hunne aanbidding komen doen
in de kerk van het H. Sacrament. Eene kaart die zij aan
den ingang der kerk afgeven, wordt hun maandelijks
toegezonden.
Te Rozendaal zijn de vrouwen der Heilige Familie ook
zeer ieverig voor de goede werken, zooals het Veertig Uur
Gebed, het bijstaan der armen, en het versieren der ker-
ken. Onder de mannen zijn er velen die hun uur van aan-
bidding stipt onderhouden.
Te Amsterdam bestaat er een Vriendenkring die
voor doelwit heeft Jezus in zijn H. Sacrament op de
dagen der openbare aanbidding gezelschap te houden.
Die kring telt zijne ieverigste leden onder de mannen der
Heilige Familie.
Doch hierin zijn onze medebroeders van Limerick
ons nog ver boven.
Het was in 1868, ter gelegenheid van Heilig Sa-
craments dag, dat het Veertig Uur Gebed daar voor de
eerste maal gevierd werd. De Sint-Alphonsuskerk was te
dier gelegenheid plechtig versierd. Na de Hoogmis van
elf uren deed de E. P. Rector een sermoon om deze devo-
tie uit de leggen. Reeds in den namiddag was de kerk
vol volk. Om tien uren \'s avonds gingen de vrouwen naar
-ocr page 115-
X>e E. Bam. öeborDert De toerheertijfi. Der E. Kerft. 103
huis, en de mannen bleven in den nacht van donderdag
tot vrijdag de aanbidding voortzetten. Meestal waren het
leden der H. Familie. Men rekende dat er nooit minder
dan 120 mannen gedurig te zamen in de kerk waren, en
\'s nachts was hun getal nog grooter.
In 1876 waren \'s nachts de aanbidders zoo talrijk
dat men geregelde uren moest bepalen opdat er altijd
omtrent het zelfde getal zou zijn. Er waren er ver-
scheidenen die den gansenen nacht in de kerk doorbrach-
ten. Zoo groot was hunne vurigheid.
ARTIKEL III. De Heilige Familie onderhoudt
en verwekt de vurigheid in de parochiën.
Het getal Genootschappen die door de Paters Redemp-
toristen bestierd worden is betrekkelijk klein. De Heilige
Familie is, wel is waar, in al hunne kerken opgericht, maar
hunne huizen zijn niet talrijk. Zij hebben negen kloosters
in België, zes in Holland, zeven in Engeland, twee in
Ierland, dus twintig huizen in die landen waar meer dan
duizend Genootschappen der H. Familie bestaan.
Tot hiertoe hebben wij slechts gesproken van de ver-
gaderingen die door onze Paters bestierd worden, omdat
er in ieder klooster een register der H. Familie gehouden
wordt, die ons gemakkelijk de noodige inlichtingen gege-
ven heeft.
Overigens zijn de kinderen van den H. Alphonsus
blij de H. Familie in de parochiën te kunnen in-
stellen, en de Algemeene Bestierder van Luik, die de
macht heeft om in dezelfde stad verscheidene Genoot-
schappen in het Aartsbroederschap op te nemen, geeft
geem en kosteloos het diploom van opneming aan de
Heeren Pastoors die zulks vragen.
En waarom zou een Genootschap, in eene parochie
opgericht, niet zoo bloeiend en voorspoedig kunnen zijn
als in eene kerk der Redemptoristen ? Wel is waar,
in onze kloosters is een Pater uitsluitelijk belast met de
Heilige Familie, en kan daar beter zijn werk van maken
-ocr page 116-
io4 UMueeöe öed. — Gerote EoofDjStiift.
dan een pastoor die gansch eene parochie moet verzor-
gen; doch indien het de Overste des kloosters is die zich
niet die bestiering belast, heeft hij daarenboven zijne
kloostergemeente te bestieren, en is het een missionaris,
dan zal deze dikwijls afwezig zijn en veel ander werk
hebben.
Spreken wij nu over de voordeden der Genootschap-
pen in het algemeen, en der Heilige Familie in het bij-
zonder. Wij zullen daarover vooreerst mannen van gezag
ondervragen, daarna hooren wat de pastoors die eene
Vegradering bestieren,daarvan denken,en eindelijk eenige
parochiale Genootschappen voorstellen die tot voorbeeld
aan andere kunnen dienen.
I. Gezaghebbende Mannen.
~DeH.Ambrosius zeide: «Alleen en afgezonderd worden
wij gemakkelijk door onze eigene zwakheid en door het
menschelijk opzicht meegesleept. Maar zijn wij vereenigd,
en innig met anderen verbonden, dan maakt onze veree-
niging ons sterken onoverwinbaar. »
Wat deed de H.Carolus Borromeus niet om de Genoot-
schappen te herstellen en te vermenigvuldigen ? In zijne
synodale vermaningen, beveelt hij opzettelijk aan de
biechtvaders van hunne biechtelingen aan te zetten om
zich in eenig Genootschap te laten opnemen.« De Biecht-
vaders,
zegt hij, zullen al hunnen invloed werkstellig
maken om hunne biechtelingen in eenig godvruchtig genoot-
schap te doen aanveerden.
»
De H. Franciscus van Sales was niet minder overtuigd
van de groote voordeden der geestelijke vereenigingen,
en niet minder ieverig om ze de leeken aan te bevelen en
te doen bijtreden.
De H.Alphonsus zegt op zijne beurt: « De Congregatiën
zijn als zooveel arken van Noë, waarin de wereldlijke
personen eene schuilplaats vinden tegen den zondvloed
der bekoringen en der zonden die de wereld overstel-
pen. In onze missiën ondervinden wij genoeg hoe nuttig
de Congregatiën zijn. Algemeen gesproken, vindt men
meer zonden in eenen mensch die tot geene Congregatie
behoort dan in twintig anderen die er deel van maken. »
-ocr page 117-
»e PB. Fam. beboröert De berfjeeifijfi. Der E.Herft. 105
Zijne Eminentie de Kardinaal Dechamps nam alle
gelegenheden te baat om het Genootschap der Heilige
Familie die het christelijk leven zoowel onderhoudt,
overal te verspreiden. Hij bevool het dringend aan in zijn
synode van 1872, en stelde het op de eerste plaats onder
al de Genootschappen die het welzijn der werkende klas
behertigen.
Monseigneur Doutreloux rekent de H. Familie onder
de schoonste en nuttigste instellingen om den voorspoed
onzer Moeder de Heilige Kerk te bevorderen. Hij wenscht dat
zij in al de parochie» zijns bisdoms opgericht worde.
II. Daadzaken.
De Bestierders der Heilige Familie getuigen eenparig-
lijk dat het Genootschap den heilzaamsten invloed heeft
in hunne parochiën.
A. Engeland. Ziehier wat een pastoor van het Bisdom
van Westminster schrijft: «De leden der Heilige Familie
strekken tot voorbeeld aan de gansche parochie door hun
goed gedrag en het dikwijls naderen tot de H.Sacramen-
ten.Door hen wordt de geest van godsvruchtonderhouden,
en mijn priesterlijk hert grootelijks getroost. Meest al de
leden communiceeren iedere maand, en zelfs nog dik-
wijler; het spijt hun grootelijks van soms de vergaderingen
niet te kunnen bijwonen. In een woord tot hiertoe
achten wij ons gelukkig dien boom des levens,die zooveel
vruchten van heil en zaligheid voortbrengt in onze paro-
chie geplant te zien. Het is door de Heilige Familie dat
ik den grootsten invloed in mijne parochie uitoefen. »
Een ander Bestierder uit het bisdom Birmingham
schrijft het volgende: « Het goed door de Heilige Familie
in mijne parochie gesticht, is onze verwachting ver te
boven gegaan. Een groot getal leden gaan alle maanden
te biechten. Zij zijn hier in groot aanzien, en door hun
stichtend gedrag hebben zij in de parochie den heilzaam-
sten invloed. Zij zijn de Vergadering zeer verkleefd en
rekenen het zich tot eer er deel van te maken, zij zijn
waarlijk mijne vreugde en mijn troost. »
B. Franhrijk.Moezel.—« Het Genootschap der Heilige
Familie heeft in mijne parochie een onwaardeerbaar
-ocr page 118-
io6 iFtoeeDe Deel. — eerjfte Eoofttftufi.
goed gesticht, De jeugd eerbiedigt zich meer, verlaat
allengskens de gevaarlijke vermaken, en nadert dikwijls
tot de Sacramenten. Door haar, en dat is een groot voor-
deel, heb ik meer invloed op de jonkheid waarin de
christene geest zich zeer begint te ontwikkelen. Het men-
schelijk opzicht, die schandige slavernij der zwakken, is
hier uitgeroeid in de familiën, en bestaat in de parochie
niet meer. »
In 1864 telde de H. Familie van Boulogne-op-Zee
100 mannen en 210 vrouwen, die getrouw de vergade-
ringen bijwoonden. Wijl het volk daar zeer spotziek is,
werden de leden der H. Familie er zeer belachelijk
gemaakt. Hetgeen deze niet belette ieder jaar den 15
augustus stoetsgewijs aan de processie deel te nemen, en
luidop den rozenkrans te bidden, tot verwondering van
de gansche stad die veel Engelschen en Protestanten
bevat.
(Z.Pruisen. In 1864 sprak een zeer gevierd en verspreid
dagblad in dezer voege over de heilzame vruchten des
Genootschaps : « In onze tijdsomstandigheden is de H.
Familie een krachtdadig middel door de Voorzienigheid
geschikt om de vruchten der Missiën in de parochiën te
bewaren en te verspreiden. »
Een bestierder der H. Familie te Trier schreef ook :
« Het Genootschap is hier in verscheidene afdeelingen
verdeeld. Die der vrouwen telt dertien honderd veertien
leden, die der jonge dochters vijftien honderd zes en
dertig, en die der mannen en jongelingen veertien hon-
derd. Deze leden behooren aan al de standen der maat-
schappij, edellieden en rechtsbeambten, ambtenaars,
kooplieden en werkvolk. Door de H. Familie is het
geloof hier verlevendigd, de geest van Godsdienst ont-
wikkeld en het gebruik der H. Sacramenten hersteld
geworden : iedereen erkent dat zij den heilzaamsten
invloed op de huisgezinnen uitoefent. Maar wat ons
het meeste troost is te zien hoe de leden der welhebbende
zoowel als die der werkende klas wedijveren om hunne
christene plichten te vervullen en aan de goede werken
bij te dragen. Het menschelijk opzicht bestaat hier niet
meer. God, zijne Kerk,zijne priesters en de godsdienstige
-ocr page 119-
X)t H. Bam. öetoorDm De toerheerifjfe. Der5. Berft. 107
oefeningen worden hier openbaar verdedigd en voorge-
staan. »
D.  Oostenrijk. Een Bestierder van dicht bij Weenen
schrijft op zijne beurt: « Iedereen is hier getroffen door
den heilzamen invloed der Heilige Familie : door haar is
het godsdienstig gevoelen merkelijk ontwikkeld en verle-
vendigd. De zondag wordt beter geheiligd. In plaats van
dien dag in de herbergen en openbare wandelingen waar
de jonkheid zooveel gevaar loopt, door te brengen, komen
de leden getrouw \'s namiddags naar de vergaderingen. De
geestelijke gezangen en het gemeenschaplijk gebed ver-
wekken in hun eenen heiligen iever. Men is er fier op aan
de H. Familie toe te behooren. Ter gelegenheid der
plechtigheden van het Genootschap zijn er veel zondaren
bekeerd en vele onverschilligen tot vurigheid opgewekt
geworden. »
E. Holland. Een Bestierder, na al het goede, door de
H. Familie in de zielen gesticht, te hebben aangestipt,
voegt er bij dat het Genootschap eene bron van vele
goede werken is geworden.
Een priester uit het Groot-Hertogdom meldde aan den
Hoofdbestierder van Luik het volgende : « Het Genoot-
schap telt hier dertien honderd mannen en jongelingen
uit alle standen der samenleving. De H. Familie is hier
alom verspreid, en ziehier wat zij overal te weeg brengt :
i°De heilige Sacramenten worden hier dikwijls ontvan-
gen door de mannen en jongelingen die tot hiertoe aan
alle andere pogingen hadden wederstaan.
2° Het dansen, dat hier zoo gemeen was, is bijna afge-
schaft.
30 De geest van godsvrucht neemt hier immer meer en
meer toe,onder de jonge lieden,die nu den zondag heiligen
en \'s avonds naar de kerk komen, in plaats van naar de
herberg te gaan.
4° Het menschelijk opzicht wordt onder de voeten ge-
treden, en de onverschilligheid heeft plaats gemaakt voor
een echt christelijk leven. »
Een ander verslag meldt ons dat de Broederschappen
der Heilige Familie veel bijdragen om de kerken te ver-
sieren : zij koopen beelden, vanen en ander kerkgewaad.
-ocr page 120-
io8 JFtoteöe Deel. — eerste Eooföjftttfi.
Dank aan de H. Familie hebben vele Genootschappen
die gevallen waren een nieuw leven bekomen ; namelijk
de Conferentiën van den H. Vincentius a Paulo en de
Werkmanskringen.
De H. Familie van Luxemburg heeft weleer tot 300
krijgslieden in haren schoot geteld, oversten en simpele
soldaten. Men zag er ten minste 20 Hoofdofficieren. Vele
vooroordeelen zijn daardoor gevallen en ieder jaar kwa-
men er ketters zich bij de Paters bekeeren.
F. Amerika. (Vereenigde-Staten). De Bestierders der
H. Familie in Amerika spreken gelijk die van Europa :
zie er hier een staaltje van ! « De H. Familie (schrijft een
dezer), is in vier kerken onzer stad ingericht; zij tellen te
zamen vierduizend twee en veertig leden, mannen, jonge-
lingen, vrouwen en jonge dochters. Zij doet hier in Ame-
rika een onbeschrijfelijk goed. Door haar zijn de huisge-
zinnen inniger vereenigd, omdat zij hunne onderlinge
plichten beter leeren kennen, en door de zondagsche
vergadering wordt de vriendschap tusschen de verschil-
lige familiën eener parochie gesticht en onderhouden.
Dit laatste voordeel is hier bijzonder onwaardeerbaar,
wijl de katholieke familiën hier altijd zoo verspreid en
soms geheel verloren zijn tusschen eene bevolking van
Protestanten en goddeloozen, gelijk Loth in Sodoma. Zij
heeft bijzonder eenen heilzamen)invloed op de jongelingen
die niet meer naar de school gaan, want zonder haar
zouden die niets van godsdienst noch van zedeleer meer
hooren, en aldus om zoo te zeggen aan hun eigen zelven
overgelaten zijn. »
Dit zij voldoende om te bestatigen dat de Heilige
Familie overal waar zij ingericht is, en wijs en ieverig
bestierd wordt, het grootste goed doet.
In de steden zijn de Prefekten en Onderprefekten
voor den Bestierder allerkostbaarste helpers om zijnen
werkkring uit te breiden, om daar te komen waar de prie-
ster niet gevoegelijk kan toegang vinden, om te bekomen
wat hij door zich zelven niet zou kunnen verkrijgen, en te
vernemen wat hij zou moeten en niet zou kunnen weten.
Alzoo wordt de weg tot de herten gebaand, en de zalig-
heid der zielen bevorderd.
-ocr page 121-
X>£ lï. Bom. beborDert De lm heerlitfe. Der 35. Herfi. 109
Parochiale genootschappen der Heilige
Familie.
Verviers. In het beginvan november 1891 gaven drie
Paters Redemptoristen eene Missie van veertien dagen in
de St-Jozefs parochie. Op verzoek van den ieverigen her-
der, bleef een der Paters nog drij dagen langer om het
Genootschap der H. Familie dat er sedert 1849 bestond
op eenen nieuwen voet in te richten. De afdeeling der
vrouwen,die 250 tot 300 leden telde,vergaderde \'s zondags
na de vespers, en de mannen, honderd in getal, hielden
hunne vereeniging \'s maandags \'s avonds.
Er werd een algemeene oproep gedaan, aan de Deel-
genooten om hunne afdeelingen op nieuw in te richten,
en aan de andere geloovigen, om dezelve aan te vullen.
Na drij dagen hadden 656 vrouwen en 200 mannen hunne
namen opgegeven. De afdeelingen waren ingericht, de
beambten aangesteld, aan ieder zijne plaatst aangewezen,
en al de lijsten aan de Prefekten overhandigd. De
zangafdeelingen, op staanden voet ingericht, begonnen
zich aanstonds te oefenen.
Twee jaren zijn sedert die hervorming verloopen, en de
leden zijn standvastig gebleven.Het trekken der patronen,
het uitdeelen der diploma\'s, de communiën der afdeelin-
gen, het jaarlijksch retret, alles gaat er geregeld gelijk in
het Hoofdgenootschap van Luik.
Men heeft het voordeeliger geacht de vrouwenvergade-
ring donderdags te houden; en, ofschoon Mijnheer Pastoor
wat voor zijne vespers vreesde, hebben deze er in het
geheel niet doorgeleden. De deelgenooten der H.Familie
wonen met vlijt den zondagsdienst bij. En dank aan den
iever der geestelijkheid der parochie, hebben de goede
lezingen merkelijk toegenomen.
Herve. De H. Familie werd er in 1863 opgericht en
viel zoo zeer in den smaak van het mansvolk dat iedereen
er wilde deel van maken : doch zulke beginsels waren te
schoon om te kunnen duurzaam zijn : ook na eenige jaren
begon deVergadering allengskenste verslappen,toen onze
Paters van Luik ter gelegenheid eener Missie die in 1888
gegeven werd, hare vorige vurigheid trachtten op te wek-
-ocr page 122-
i io JütoeeDe Deel. — eerste Eooföjftiifi.
ken. Hiertoe scheen eene welgeregelde inrichting hun
het bekwaamste middel.
Een der Paters deed eene Conferentie om de voordeelen
en de werking der H. Familie uit te leggen, en daar het
getal der aanwezige mannen groot was, begon hij dadelijk
de namen der Prefekten en Ónderprefekten af te roepen;
de diploma\'s en handboeken werden uitgedeeld, en men
nam de noodige maatregelen, opdat iederen maandag de
oefeningen geregeld konden gehouden worden. God
zegende deze poging, en de Vergadering kwam tot haren
vorigen bloei terug.
La Minerie (onderThimister). Deze parochie, in het
schoon Herveland gelegen.telt 1300 zielen.De H. Familie
werd er in 1848 opgericht, en bezit een zeer schoonen
groep van Jezus, Maria, Jozef. Iederen zondag na de
vespers vergaderen de parochianen zonder onderscheid
in hunne schoone kerk, zingen en bidden te zamen en
achten zich gelukkig de vereeniging te kunnen bijwonen
tot grooten troost van hunnen ieverigen herder.
40 Sint-Simeon Houiem. Deze parochie, gelegen tusschen
Luik en Tongeren, op het uiteinde van het Haspengouw,
heeft 1250 inwoners. De H. Familie bestaat er sedert 1858.
Mannen en vrouwen maken er deel van dezelfde verga-
dering die \'s zondags namiddag plaats heeft en zeer ieverig
wordt gevolgd
50 Tongeren. De Heilige Familie werd er opgericht den
16 mei 1853 door M. Reinartz, Deken der stad. Zij telde
van het begin af 30 afdeelingen van 20 leden. M. Rubens,
thans kanunnik pastoor van Sint-Dionysius te Luik,
M. Van Hees, nu pastoor van Heers, en M. Denis, tegen-
woordige pastoor van Louw, bestierden beurtelings het
Genootschap. Gedurende eene zending in 1874, deed
Pater Gallis zaliger eenige sermonen om den iever der
leden aan te wakkeren. De 30 afdeelingen zijn immer
wel aangevuld gebleven onder het bestier van den Eerw.
Heer kanunnik J. Peeters, Deken der stad.
In de wekelijksche vergaderingen, die \'s maandags
plaats hebben, worden de oefeningen volgens het hand-
boek stiptelijk onderhouden.
Tweemaal \'s jaars, op Sinxen maandag en den tweeden
-ocr page 123-
üeE. Bam.betaniDert Deberöeerüjh. OerB.Herh. m
Kerstdag, houden de leden eene generale communie tot
groote stichting der gansche parochie. De opdracht der
nieuwe leden heeft den tweeden Kerstdag plaats.
Een schoon zanggenootschap, nitsluitelijk door leden
der H. Familie samengesteld, verheft al de kerkelijke
plechtigheden door keurige muziekmissen en luistert ook
de processiën op, terwijl de andere leden met de flam-
beeuw in de hand en de medalie der H. Familie op de
borst, zonder het minste menschelijk opzicht, luidop den
rozenkrans biddend, dezelve begeleiden.
Den eersten dinsdag na het afsterven van een der
leden wordt er kosteloos eene mis gelezen met Miserere,
De profiindis
en Libera, tot lafenis zijner ziel. Den eersten
maandag na Allerzielen leest de Bestierder de namen af van
al de overledenen die van jaar tot jaar, sedert 1853, zijn
afgestorven, daarna vijf Onze Vaders en een plechtig lof.
\'s Anderdaags wordt er eene gefondeerde mis gelezen met
zang van Miserere, voor al de overledene deelgenooten.
Alle twee of drij jaar wordt er door eenen Pater
Redemptorist aan de gansche vergadering een retret
gepreekt.
Hasselt. De H. Familie werd hier opgericht den 20
juni 1853, en met het Aartsbroederschap van Luik ver-
bonden den 7 januari 1854. Van het begin aflieten zich
een groot getal leden opschrijven : zij zijn tot het getal
van 900 geklommen. Nu zijn er nog bij de 600 deelge-
nooten. Een zeker getal zijn overgegaan tot het Genoot-
schap van den H, Franciscus Xaverius dat in de
Minderbroederskerk is opgericht.
7°fii/seti.De H.Familie telt er 590 mannen en 460 vrou-
wen die met iever de vergadering bijwonen. Iedere afdee-
ling houdt hare vereeniging beurtelings alle veertien
dagen.
Diest. De H. Familie in O. L. V. parochie ingericht,
telt 480 vrouwen waarvan er 400 iederen zondag wel
oppassen. Ieder jaar doen zij eene bedevaart naarO.L.V.
van Scherpenheuvel, en jaarlijks hebben zij twee generale
Communiën. Bij het afsterven eener medezuster wordt er
tot lafenis harer ziel een lijkdienst met drij Heeren gezon-
gen waaraan zooveel leden mogelijk tegenwoordig zijn, en
-ocr page 124-
ii2 TtoecDe Deel. — Gerote Eoofbtfttik.
daarenboven offert ieder eene H. Communie en eenen
Kruisweg op voor de overledene.
IJemptinne. (Ciney). De H. Familie werd er ingesteld
in 1864. Zij telt twee afdeelingen voor beide geslachten,
die beurtelings alle veertien dagen hunne vergadering
houden. De ieverige Herder der parochie vindt zijnen
troost en zijnen steun in het Genootschap.
io° Diepenbeek. De H. Familie telt daar een mannenge-
nootschap van 500 leden, 400 volgen vlijtig de vergade-
ring die alle veertien dagen plaats heeft. Het Genootschap
heeft veel bijgedragen 0111 de goddelijke diensten op te
luisteren, de H. Sacramenten dikwijler te doen ontvan-
gen, en het vloeken en godlasteren uit te roeien.
11° Bertogne (Namen). « Mijne kleine parochie (schrijft
M. Pastoor) heeft veel aan de H. Familie te danken,
lederen zondag zijn de mannen ten getalle van 138, en
de vrouwen, 120 in getal, bijna allen in de vergadering
tegenwoordig. »
i2°y/rt,rt^/fw(Holland).De H.Familie telt daar 400 man-
nen en 350 vrouwen die alle zondagen vergaderen. Dank
aan deze schoone instelling is deze parochie veel verbe-
terd. Dikwijls heeft de enkele zvees gegroet die men in de
vereeniging voor de zondaren bidt, wonderen van bekee-
ring te weeg gebracht.
130 Denk (Namen). « Het Genootschap telt hier 450
leden waarvan i7=;niannen.Devergaderingneeft plaats den
ien zondag van iedere maand, en heeft hier een onbe-
schrijfelijk goed gesticht. De Sacramenten zijn wel ge-
volgd, en wat mij meest troost, is dat degenen die deel
maken van de H.Familie hun leven met eene zalige dood
bekronen. »
140 Fize-le-Marsal (Luik). «Ik heb in mijne kleine paro-
chie eene Heilige Familie die 100 vrouwen en 50 mannen
telt. lederen zondag na de vespers is de vergadering met
iever gevolgd. Men moet aan deze schoone instelling toe-
schrijven dat de Rozenkrans \'s avonds in de huisgezinnen
overal gebeden wordt, dat de kerkelijke diensten beter
bijgewoond en de H. Sacramenten hier meer dan in an-
dere parochiën worden ontvangen. »
150 Pousset(Luik).«Ik ben verheugd u te kunnen mede-
-ocr page 125-
üeE.Bam. bcnoröert öe tierfjeerlijft. öer E. Berfi. 113
deelen dat ik in mijne parochie van 48ocommunikanten,
405 leden van de Heilige Familie heb, die regelmatig
iederen zondag de vergadering bijwonen, met de medalie
aan den hals. Onder andere vruchten die aan het Genoot-
schap te danken zijn, schrijf ik er bijzonder aan toe de
onderwerping mijner parochianen aan de Kerk tijdens
den schoolstrijd. »
160 Othce (Luik). « Mijne parochie telt 974 communi-
kanten,en de H. Familie die iederen zondag om 5 ure ver-
gadert, bevat 137 mannen en 318 vrouwen. De jonkheid
gedraagt zich doorgaans deftig,het gezamenlijk gebed in de
huisgezinnen, het dikwijls naderen tot de H.Sacramenten
en bijzonder de stichtende dood dergenen die aan de
H. Familie toebehooren, zijn zooveel vruchten welke ik
aan deze heilzame instelling toeschrijf. »
17° Leuven. De Vergadering werd er opgericht in 1861,
in de kerk der Paters der Heilige Herten (Picpus). Zij telt
nu drij afdeelingen, die der mannen 50 leden, die der
vrouwen 190, en die der jonge dochters 170.
180 Hoeleden. De H. Familie bestaat er sedert 1887 en
telt 316 neerstige leden. Zij bezit een kunstig gebei-
telde groep van Jezus, Maria, Jozef en eenen kostelijk
geborduurden standaard. Zij heeft ook eene bloeiende
zang-en muziekmaatschappij. De leden vergaderen alle
veertien dagen. Viermaal \'s jaars doen zij eene gene-
rale communie. Twee Hoofdprefekten (een voor de man-
nen en een voor de vrouwen) hebben ieder drij Onder-
prefekten in de verschillige gehuchten der gemeente, en
doen de vergaderingen allerbest bijwonen.
Een plechtige lijkdienst met vigilie wordt voor ieder
afgestorven lid gezongen.
De leden, met de medalie op de borst, dragen het lijk,
en doen samen na de begrafenis plechtig den kruisweg.
En het goed te weeg gebracht? — « O, schrijft ons
M. Pastoor, hadde ik gedurende 14 jaren in mijne paro-
chie niets gedaan, dan deze Instelling tot stand gebracht,
dan nog zou ik den Hemel, mijn leven lang, dankbaar zijn
voor het goed door de H. Familie hier gesticht. Van de
1100 a 1200 communiën van vroeger klimmen wij sedert
1887 tot 4515. — Men kent bijna geen menschelijk op-
Aartsbroederschap der H. Familie.
-ocr page 126-
ii4 Ttoeeöe beei. — Gerote Koofbjmift.
zicht meer. De familiegeest komt weder omdat vader en
moeder beter beseffen wat zij zijn (dat wordt hun in de
vergaderingen gedurig voorgehouden). De jonge lieden
zijn ingetoomd. Vroeger 2 of 3 balzalen met de kermis,
nu nog tin die ook al op krukken springt.
«Mijn vurigste wensch is dat deze heilzame en onwaar-
deerbare Instelling in alle parochiën, groot en klein,
worde tot stand gebracht. Zij is een noodzakelijke dam
opgeworpen tegen onzen hedendaagschen aloverstroomen-
den dwaalgeest en een machtig tegenvergif voor de reeds
verkankerde herten onzer arme samenleving.Met en door
de H. Familie kan een pastoor nog wat goed verrichten,
en anders weinig of niets. »
Wij kunnen dit overzicht niet beter sluiten dan met het
volgende verslagaan ons klooster van Luik medegedeeld,
door eenen priester die negen en twintig jaar lang de Ver-
gadering bestierd heeft.
« Onder de bescherming van Jezus, Maria, Jozef, veran-
deren de huisgezinnen weldra als in heiligdommen waar de
H. Familie van Nazareth bemind en geëerd wordt. Daar
waar eertijds geen geloof meer was, is het geloof nu levend
en werkstellig geworden.Waar eertijds \'s zondags gewerkt
en de mis en de paaschplicht verzuimd werden, ziet men
nu de H. Sacramenten wel gevolgd, den zondag wel ge-
heiligd.en het gebed in de huisgezinnen wel onderhouden.
Waar eertijds niet gehoord werd dan vloeken en godlas-
teren, ontuchtige gesprekken en liederen, hoort men nu
den Rozenkrans en de geestelijke gezangen. De verwijde-
ring van de herbergen en de slechte verkeeringen hebben
eendracht en voorspoed in een groot getal familiën
terug gebracht : eene zoo grondige verandering in het
huiselijk leven doet er, te midden der kruisen die in den
huwelijken staat onvermijdelijk zijn,een tot dan toe onbe-
kend geluk heerschen. »
Overal, in de dorpen zoowel als in de steden, bestatigt
men dezelfde heilzame uitwerksels. De Bestierders der
vergaderingen getuigen eenpariglijk dat zij in de H. Fa-
milie een krachtig middel vinden om de vruchten eener
heilige Zending te bewaren en te versterken.
Wij herinneren ons hier de woorden van Monseigneur
-ocr page 127-
DeÜ.FatrubetJOr&ert De tjerïjmlijft.Derlï. Berft. 115
de Montpellier in 1869 aan de Redemptoristen te Luik:
« Eerw. Paters, de Heilige P\'amilie is het bijzonderste
werk dat uwe Congregatie in België gesticht heeft. Onder-
houdt het zorgvuldig». Wij zijn van gedacht dat de
Redemptoristen dit werk niet alleen onderhouden, maar
altijd uitgebreid en voortgeplant hebben,endat het jammer
is dat in België een aantal Bestierders hetzelve in hunne
parochiën hebben laten vallen. Aan degenen die zouden
aarzelen eene H. Familie op te richten, daar waar zij zoo
noodzakelijk zou zijn, herinneren wij deze woorden van
M. L. Harmei: « Er zijn er die niets willen beginnen
omdat zij vreezen niet te gelukken. De menschelijke
voorzichtigheid doet alles kwijnen en wegsterven, en
vindt hare veroordeelinggansch de kerkelijke geschiedenis
door. Men moet dan de hand aan het werk slaan; het
ergste misluk is van niets te doen ».
-ocr page 128-
TWEEDE HOOFDSTUK.
De Heili
\'B
e Familie bevordert
het welzijn van het Vaderland.
EN 31 juli 1843 bezocht de Koning Leopold I,
het College de Vrede te Namen. (Leo XIII,
\\L
alsdan Nuntius hier te lande, stond aan zijne
zijde). Op de redevoeringen welke hem werden
toegestuurd, antwoordde de Koning in dezer voege :
« Houdt u vlijtig aan het werk, Mijnheeren ; de jeugd
moet noodzakelijk van goede leerstelsels doordrongen
zijn, bijzonder op onze dagen, waar men zoovele verderf-
lijke dwaalleeringen verspreidt, om de slechte driften op
te hitsen.
« In de samenleving zijn de goede en slechte leeringen
gedurig in strijd. Gij moet kloekmoedig in het perk
optreden tegen dien geest van wanorde die de Staten zoekt
omver te smijten. Indien men niet dadelijk de hand
aan het werk slaat hebben wij in de toekomst veel te
vreezen...»
Onze Koning wees hier op de hoofdkwaal onzer tijden :
de verspreiding der slechte leeringen met inzicht om de
driften des volks aan te hitsen, en zegde in twee woorden
hetgeen alwie het vaderland bemint te doen staat : « Er
moet gestreden worden tegen dien geest van wanorde die
de staten zoekt omver te smijten.» Deze woorden komen
op eene treffende wijze overeen met hetgeen Leo XIII
aan de H. Familie van Limerik schreef : « Door de
valsche beloften van vrijheid, rijkdommen en zinnelijke
vermaken, stookt tegenwoordig de geest van hoogmoed de
volkeren op om alles omver te werpen : de gemoederen
zijn verward, en de driften aangehitst. »
En wie merkt niet dat het reddingsmiddel door
Leopold I aangewezen, door de H. Familie werkstellig
gemaakt wordt, gelijk de Paus het zelf in den bovengemel-
den brief, verder bestatigt? «Niettegenstaande de pogingen
-ocr page 129-
X>e E.Ham.ïJCt>oröcrt het taelstjn ban \'tVaöerlanD. 117
en kuiperijen der kwaden,heeft uw Genootschap de kalmte
hersteld, daar waar van te voren de onstuimige baren
woedden... Gaat dan tot Maria, gaat tot Jozef, en door
hen tot Jezus. Toont door klaarblijkende feiten dat de
volksopschuddingen in den katholieken godsdienst een
krachtig en zeker geneesmiddel vinden, en dat men om
die wanorden te stillen, aan God en aan de wettige over-
heid noodzakelijk de verplichte gehoorzaamheid moet
wedergeven, en de broederlijke liefde uitoefenen.»
Het is dus onbetwistbaar dat de Heilige Familie bij-
draagt aan het welzijn des vaderlands. Wij hopen verder
te toonen dat zij inderdaad een machtige dijk is tegen
den stroom der valsche leerstelsels, eeue heilige vergader-
plaats
waar allen die het goed behertigen zich komen
aanmoedigen, eene kweekschool waar men goede burgei s
opleidt. — Doch schrijven wij eerst de schoone woorden
neder met dewelke een bevoegde schrijver, M. A. Delmer,
zijne redevoering in de algemeene Vergadering der kath<>-
lieke werkzaamheden te Mechelen begon : « Mijnheeren,
indien, gelijk Bossuet spreekt, de godsvrucht den gan-
schen mensch uitmaakt, dan mag men ook met waarheid
zeggen, dat de godsdienst de gansche maatschappij
vormt. Daaruit volgt dat al de werken die strekken tot
het onderhoud van den godsdienstgeest, te weten de
godvruchtige genootschappen, ook bij uitstek aan de
maatschappij allervoordeeligst zijn.
« Deze heilzame werking moet met recht aanhetGenoot-
schap der Heilige Familie worden toegekend. Deszelfs
onmiddelijk doelwit is, wel is waar, de zaligheid zijner
leden te behertigen; niettemin brengt het krachtdadig het
zijne bij om de geschokte maatschappij op vasteren grond
te brengen, de gevaren die de algemeene rust bedreigen
af te weren, en den vrede met al het goede, ons door
onze christene voorvaderen nagelaten, te handhaven. »
-ocr page 130-
u8 jPtoeeDc Deel.— TtoeeDe jBoofDjeftuft.
ARTIKEL I. De Heilige Familie is een krach-
tige dijk tegen den stroom der valsche
leerstelsels.
Welk is het doelwit der Heilige Familie ? Wat wilde
Belletable, hare dappere insteller ? Ziehier wat hij in de
eerste vergadering verklaarde : « Mijne bedieningen in de
kanongieterij stellen mij gedurig in aanraking met het mij
zoo dierbaar werkvolk. Doch hetgeen mij sedert lang
waarlijk bedroeft, is te zien dar er velen onder hen onge-
lukkig zijn door hunne eigene schuld. Aan den drank
verslaafd,leven zij zonder godsdienst,werken des zondags,
drinken \'s maandags, en bekreunen zich niet het minste
met de opvoeding hunner kinderen ; gij zult een groot
goed stichten, en veel bijdragen tot verbetering van hun
lot, en tot welzijn hunner familie, met uwe pogingen te
vereenigen om uwe kameraden en uwe vrienden in onze
wekelijksche vergadering te brengen : hier zullen wij hen
tot God doen spreken door het gebed, en hun van God
spreken door eene goede lezing. »
Het werkvolk, dat Belletable hier afschildert, is juist dat
machtig element waarvan de socialisten zich willen meester
maken. En wat preken hun die mannen ? dit begooche-
lend woord : Wij \'willen het lot van de?i werkman verbe-
teren.
Weet gij watVictor Hugo,een vrijdenker,daarvan zegt:
« Het ongeluk van onzen tijd bestaat hierin, dat men alles
bij dit leven wil bepalen, met aan den mensch geen
ander einde dan het stoffelijk leven hier op aarde voor
te stellen. Voorzeker moet men het tijdelijk lot van
degenen die lijden trachten te verbeteren, maar de eerste
verbetering is hun de hoop op een ander leven niet
te ontnemen. Wij allen, wetgevers, priesters, schrijvers,
moeten het ons ten plichte rekenen, de hoofden ten
hemel te doen verheffen, en de zielen op te leiden tot de
verwachting van een beter leven. Waarlijk het leven
ware de moeite niet weerd indien alles met ons moest
sterven. »
En zijn het deze waarheden niet welke de Bestierders
der Heilige Familie het gansche jaar aan hunne leden
-ocr page 131-
DeB.Fam.bctiorDertïjettoef.ifintian\'tVnDeilanö. 119
voorhouden in den naam van Dengene die gezegd heeft :
«Vreest de menschen niet, zij kunnen uw lichaam dooden,
maar uwe ziel kunnen zij niet dooden,zij is onsterfelijk.»?
Deze leering met hare menigvuldige toepassingen daalt
iedere week, als een hemelsch zaad, op de vier honderd
duizend deelgenooten der H. Familie neder, om in aller
herten christelijke hoop en verduldigheid, en alzoo open-
bare rust en vrede voort te brengen.
Doch laten wij de feiten zelve spreken :
Den 15 april 1886 stelde het belgisch staatsbestuur
eene arbeidscommissie in om de oorzaken te onderzoeken
waarom handel en nijverheid zoo slecht gaan,en hoe men
dien staat van zaken zou kunnen verbeteren.
Den 27 augustus las M.Laine,goudslager en Onderpre-
fekt der Vergadering van de Madalena te Brussel, voor
die commissie een verslag over de Heilige Familie. Een
socialist, met naam Bertrand, wierp hem deze woorden toe:
« De zedelijke toestand van den werkman zal nooit beter
worden zoolang zijn stoffelijke toestand niet verbetert. De
werklieden der socialistenvergaderingen zijn zoo zedelijk
als de uwe. Wat doet uw genootschap voor den werk-
man ? » Laine antwoordde: « Men leert hem verduldig
zijn en hopen op een beter leven. Daarenboven, met hem
van de dronkenschap af te houden leert men hem een
spaarzaam en geregeld leven leiden, en alzoo de welvaart
zijner familie bevorderen. Het zijn onze deelgenooten
der Heilige Familie niet die men zal hooren roepen :
Leve de Republiek ! »
Een der aanwezigen ging M. Laine de hand drukken,
zeggende : « Goed zoo ! gij hebt wel gesproken. » Ja, hij
had wel gesproken : zijne taal was de weerklank van
hetgeen de Bestierder der H. P\'amilie iederen maandag
in zijne Conferentie aan zijne mannen voorhoudt.
De Bestierder eener dergelijke Vergadering is een van die
mannen waarvan Napoleon [ zeide : « Een priester is
machtiger dan twintig gendarmen om eenen oproer te
dempen ». Hij weet iedereen recht en plicht te doen
handhaven. Aan de armen leert hij verduldig, en aan de
rijken liefdadig zijn. De kinderen leeren bij hem hunne
ouders eerbiedigen, de onderdanen aan hunne meesters
-ocr page 132-
i2o Ttoeeöe öeel. — JFtoeeöe KoofMuft.
gehoorzamen:en allen leeren God eerbiedigen en gehoor-
zamen aan Hem van wien alle gezag voortkomt. Is het de
priester niet die door zijne vermaningen de vijanden ver-
zoent, de getrouwden in vrede en eendracht doet leven,
en iedereen met zijn lot doet te vrede zijn ? Hij is het die
aan meesters en knechten, bazen en werklieden herin-
nert dat zij broeders zijn onder elkander, en dat recht-
veerdigheid en liefde hunne dagelijksche betrekkingen
moeten beheerschen.
Het is dan niet te verwonderen dat al de vijanden der
samenleving, al de ruststoorders en oproermakers ook de
Heilige Familie vijandig zijn. Wij hebben gezien hoe zij
te Luik in 1846 de mannen, die aan de schoone processie
onverschrokken deel namen, wilden hatelijk en belachelijk
maken ; hoe zij in Sint-Truiden verderfelijke schriften
wilden rondstrooien,en hoe die duivelsche pogingen door
den Bestierder werden verijdeld.
In deze laatste jaren is er te Brussel een schoon werk-
manshuis opgericht, en het zijn de leden der Heilige Fa-
milie die deze nooit genoeg geprezene Instelling hebben
tot stand gebracht. Ook juichen wij uit ganscher herte
deze loftuiging toe hun door een gevierden dagbladschrij-
ver in 1886 gegeven :
« Wij moeten ze overal doen kennen, die heldhaftige en
edelmoedige mannen, die ware katholieken, die, terwijl
anderen den werkman bedriegen, en tot voetbank doen
dienen om hunnen eigen hoogmoed en geldzucht te vol-
doen, hunnen tijd en hun geld besteden om den werkman
te leeren spaarzaam, zuinig en matig leven en hem
alzoo met der tijd eenen zekeren welstand te bezorgen.
Dat is het ware volksbelang, gesteund op de deugd en
het goed voorbeeld, de ware en verhevene christelijke
verbroedering. »
Het hollandsch dagblad De Volksbond, door den Bis-
schop van Haarlem gesticht, noemt de leden der Heilige
Familie rechtschapene, overal geachte en geëerde mannen.Te
Rozendaal telt de H. Familie 450 leden, die meestal in de
fabrieken of aan den ijzerenweg hunnen kost verdienen,
en niettegenstaande de gevaren waaraan zij zijn blootge-
steld, hun geloof en hunne zeden zorgvuldig bewaren.
-ocr page 133-
DeB.Bain.bctJoröectfjcttoeljijnijan\'t\'VaDeitanD. 121
Zonder Godsdienst is het onmogelijk dat een kind vader
en moeder bemint, dat de jongeling zijne zeden wel
bewaart, de getrouwde man aan zijne plichten getrouw
blijft. De H. Familie bewaart de goede zeden, den vrede
en de eendracht in de huisgezinnen, den Godsdienst in
de herten, en is alzoo een onderpand van geluk voor
Kerk en Vaderland, een waarborg voor tijdelijk en eeuwig
geluk.
ARTIKEL II. De Heilige Familie is eene hei-
lige Vergaderplaats waar allen, die het goede
behertigen, elkander aanmoedigen.
De leden der Heilige Familie weten dat de groote
gratie die God hun verleend heeft met hen in het Ge-
nootschap op te nemen, niet werkeloos mag blijven :daar-
om beijveren zij zich om overal, zooveel mogelijk, door
raad en daad hunnen evennaaste in zijne tijdelijke en
geestelijke noodwendigheden ter hulp te komen.
Wat al Werken van liefdadigheid en zedelijke bescher-
ming zijn sedert de inrichting der Heilige Familie in
1848 uit haren schoot niet voortgesproten !
Hier is het een lid van dit gezegend Genootschap dat
met eenige leden der Sociëteit van den H. Vincentius a
Paulo, het Werk der Bescherming der jonge leergasten, den
Sint Jozefs Kring voor werklieden en den Soldaten Kring
tot stand brengt. Daar vindt men een ander deelgenoot
der Heilige Familie die, vol medelijden voor zoo veel
afgedwaalde zondaren, eenige ieverige mannen aanwerft,
om te zamen in het werkhuis van eenen slotmaker het
Werk der Xaverianen te beginnen, dat weldra door Pa-
ter Van Caloen S. J. overgenomen, gnnsche massa\'s werk-
lieden onder zijne vaandels schaart, en jaarlijks duizende
bekeeringen te weeg brengt.
Wij willen deze Werken hier wat nader bepalen.
1. Het eerste Werk dat aan de Heilige Familie zijn
bestaan en zijnen voortgang te danken heeft, is de Con-
gregalie van Onze Liei\'e Vrouw
in de kerk van den Zavel
te Brussel opgericht.
-ocr page 134-
i22 JütoeeDe Deel. — Ttoecöe Eoofbjftuft.
« Op het einde van 1851, zoo schrijft een deelgenoot
der Heilige Familie van de Madalenakerk, vergaderden
wij op eenen zondag in eene kamer der Sterstraat. Bij deze
eerste vereeniging waren een Prefekt, een Onderprefekt
der H. Familie, en veertien jongelingen tegenwoordig.
De F.H.Coremans,onderpastoor der parochie,aanveerdde
de bestiering die hem werd aangeboden. Den 6 juni 1852
deden wij onze opdracht. Eenigen tijd daarna liet
M. Pastoor van den Zavel toe dat wij onze vergaderingen
in de kerk hielden. De Kardinaal Sterckx gaf weldra aan
onze Congregatie haar wettig bestaan, en eindelijk werd
zij door Onzen H. Vader den Paus goedgekeurd en met
menigvuldige aflaten verrijkt.»
2.  Het Werk der Xaverianen.
Den 15 januari 1854 vereenigde M. R. Van Lande-
ghem, slotmaker, lid der H. Familie, in zijn werkhuis
(Zes teerlingenstraat, 3), zestien werklieden waaronder
twaalf mannen van de H. Familie. Hun inzicht was eene
Congregatie van mannen te stichten die de arme zon-
daren zouden gaan opzoeken. Hun getal was allengskens
aangegroeid toen Van Landeghem zijnen biechtvader,
Pater Van Caloen, uitnoodigde. De ieverige Jezuïet, die
gewoonlijk aan zijne biechtelingen zegde: « Brengt mij
zondaren aan,» belastte zich met de jonge Congregatie te
bestieren, wier doelwit zoowel met zijnen zieleniever
overeenkwam.
Acht dagen later werd de Vergadering in de kapel der
Broeders der Christene scholen (Alexianenstraat) gehou-
den, van waar zij in de maand Meert naar de Ste-Anna-
kerk (Bergstraat), en eindelijk voor goed naar de Nieu\\v-
landstraat werd overgebracht. Zijne Eminentie de Kardi-
naal Sterckx keurde den 24 Juli 1854 de statuten goed.
Paus Pius IX verhief de Vergadering tot de weerdigheid
van Aartsbroederschap, en verleende haar menigvuldige
aflaten.
3.  Het Patroonschap der leergasten. Dit Werk kwam tot
stand in 1854, dank aan de Heeren van Sint-Vincentius
a Paulo onder het bestier van M. Baron Hody, en met
de medewerking van M. Veromer, lid der H. Familie.
Deze vurige en voorbeeldige Christen had reeds van in
-ocr page 135-
De K.Bam.öelioröert fjet toeï^fjn ban\'tVaDeifanö. 123
de maand April iederen zondag eenige leergasten in de
kapel der Broeders (Alexianenstraat) vergaderd. Zijn Werk
nam spoedig toe, met de hulp van eenige medewerkers.
Iederen zondag werd voor hen eene Mis gedaan, en eene
vlaamsche en fransche onderrichting gehouden. In 1868
waren zij reeds meer dan 300 in getal.
4.   In de Cathelyne parochie (Vlaamsche steenweg),
bestaat een ander Patroonschap door drij gebroeders,
leden der H. Familie opgericht. Deze ware vrienden der
werklieden hebben niet alleen op eigene kosten en door
bijlagen, een lokaal gebouwd, maar besteedden iederen
zondag, om personelijk die jonge gasten te onderwijzen
en hun het goede voor te houden.
5.  Het Sint-Jozefsiverk. De jonge werklieden in het
patroonschap der leergasten opgeleid, worden in hunnen
mannelijken ouderdom, in het Sint-Jozefswerk opgeno-
men. Het was de onvermoeibare Veromer die in 1856
dit Werk tot stand bracht, om aan het werkvolk iederen
zondag, na zijne christene plichten vervuld te hebben,
een eerlijk tijdverdrijf te verschaffen.
In 1862 telde deze vereeniging niet min dan 800 leden.
Toen in 1881 het Werk zijn 25 jarig bestaan vierde, offer -
den de leden met eenparige bijlagen, aan M. Veromer,
hunnen toegenegen Voorzitter, eene gouden medalie.
6. De Soldatenkring.
Hetzelfde jaar 1856 begon de ievervolle Veromer met
hulp van eenen braven gentschen jongman met name
Vergauwen, den Soldatenkring, Zijn doelwit was onder
de soldaten de godsdienstige gevoelens te onderhouden
welke zij in hunne familie geput hebben, en hun het
vervullen hunnerchristelijkeplichten te vergemakkelijken.
De soldaten kunnen iederen avond in een bijzonder
lokaal bijeen komen: daar vinden zij goede boeken,spelen,
en gedienstige seretarissen voor hunne briefwisselingen.
Men eindigt de vergadering met eene goede lezing, of ten
minste met het avondgebed. Van tijd tot tijd worden
er ook prijzen uitgedeeld aan degenen die de vergade-
ringen getrouw bijwonen. Een jaar nadien liet Veromer,
overlast van werk, de bestiering aan andere handen over.
Thans is het de Aalmoezenier die het Werk bestiert.
-ocr page 136-
i24 TFtoeeDe Deel. — *ütoeeöe Boofbtftufi.
7. Het verbond met het Heilig Hert. Dit Werk in 1844 te
Vals (Vrankrijk) ingesteld, werd ook weldra in België
ingebracht, en telt onder de leden der H. Familie zijne
ieverigste voorstaanders.
Ziedaar een aantal liefdewerken welke door de leden
der H. Familie zijn tot stand gebracht. Veromer kon met
recht zeggen : Het is aan de Heilige Familie dat ik al
mijne goede ingevingen te danken heb.
Ziehier een treffend bewijs dat deze heilzame bron nog
niet uitgedroogd is:
Sedert dat de Scfwolpenning in ons katholiek België is
ingesteld, hebben zich een groot getal leden der Heilige
Familie van de Madalenakerk in dit schoon Werk laten op-
schrijven, en storten iedere maand hunne bijlage, welke
jaarlijks ongeveer 800 franken opbrengt. In 1880 vreesde
de Bestierder der H. Familie dat de onderschrijvers, den-
kende dat het Werk niet zou voortduren, misschien hunne
bijlage niet zouden zoeken te vernieuwen, en gaf aan ieder-
een de gelegenheid om schriftelijk zijne denkwijze te
kennen te geven. Slechts 17 leden onthielden ziehen 221
wilden het Werk in het geheel niet verlaten : dat jaar
bracht hun schoolpenning 990 frank op.
Zulke mannen van liefdadigheid en zelfsopoffering
heeft de H. Familie overal.
Die van de Sint-Jozefskerk te Brussel heeft in deze
laatste tijden uit haren schoot verscheidene liefdewerken
zien oprijzen zooals : het Patroonschap van den H Jozef,
den Bond der Patroonschappen, het Werkmanshuis van
Eisene
en eene Sociëteit van matigheid.
In 1888 wilde M. Van Soom, soldatenaalmoezenier,
een werkmanshuis te Eisene stichten.Met de medewerking
van verscheidene leden der H. Familie werd het weldra
tot stand gebracht, en toen in augustus 1890 het lokaal
in bezit genomen en het vaandel gewijd werd, telde men
300 leden.Thans zijn er meer dan 600 man ingeschreven,
en verscheidene werken, zooals Onderlinge Bijstand,
Spaarkas, Geestelijke Begrafenissen, Zang, Muziek en
Tooneelmaatschappij zijn er ingericht tot nut en vermaak
van de werkende klas.
De H. Familie van Luik heeft krachtdadig bijgedragen
-ocr page 137-
De E. Fam. rjefcorüert het tof [jffn ban \'tVaöerlanö. 125
tot het inrichten van de Sint-Alphonsus sociëteit onder
het bestier van den E. H. Pottier, en van den werkmans-
kring van Sinte-Margariet, waar M. Detroux, de ieverige
pastoor der parochie, de Voorzitter van is.
In Holland is de H. Familie niet min vruchtbaar
geweest in mannen van aanleg tot het stichten van liefda-
digheidswerken.
Ziehier wat wij lezen in het verslag Neerlandici Catho-
lica,
den H. Vader ter gelegenheid zijns Gouden priester-
jubilé opgedragen :
« Voorzeker is de H. Familie in ons Vaderland aan
haar veelbelovend vooruitzicht niet te kort gebleven.
Getuigen hiervan de duizende leden die iedere week
getrouw bijeenkomen; getuige hare edelmoedige deel-
neming in alle liefdewerken die de eer van God, de
verheffing der H. Kerk, en het geestelijk of tijdelijk
welzijn van den evenmensch voor doelwit hebben. Is het
niet uit den schoot der Heilige Familie dat die honderde
zouaven zijn opgestaan, waaronder er verscheidene hun
leven en bloed voor Paus en Kerk hebben ten beste gege-
ven ? Ziet men de H. Familie niet overal menigvuldige
werken stichten tot het zedelijk en stoffelijk welzijn der
werkende klas, hulp en geneesmiddelen voor zieken en
gekwetsten,spaarkassen, bibliotheken tot verspreiding van
goede boeken, werkhuizen tot het bezorgen van kleederen
voor de behoeftigen, en van gewaden voor de. arme
kerken, zondags- en avondscholen ? Daarenboven zijn op
verschillige plaatsen Conferentiën van den H. Vincentius
a Paulo, Genootschappen van den H. Jozef, van den H.
Franciscus-Xaverius, den H. Aloysius en de H. Elisa-
beth door de leden der H. Familie tot stand gekomen.
Eindelijk zien wij dat het socialismus, en al wat tegen
Kerk en Staat inwerkt, overal in de leden der H. Familie
zijne onvermoeibaarste tegenstrevers telt.
Te Breda is de St-Jozefskring uitsluitelijk samengesteld
uit leden der H. Familie.
En wijl de drukpers de hefboom is der hedendaagsche
maatschappij, weet de H. Familie dit machtig middel van
onderwijs en beschaving ook te benuttigen, en telt
onder hare leden dappere en gevierde schrijvers.
-ocr page 138-
126 Jütoeeöe Deel. — Ttoeeöe KootVttifc.
i. De Heilige Familie die, iederen zondag op 24000
exemplaren afgetrokken, reeds 29 jaren bestaat, en overal
door de Prefekten en Onderprefekten verspreid wordt.
2.  De Volksmissionaris, belangrijk en keurig maand-
schrift dat door zijne menigvuldige geabonneerden gretig
gelezen wordt.
3.   Het Sint-Jozefsblad, 4. Het Zondagsblad voor de
Vrouwen.
5. De Leo Almanak en meer andere.
ARTIKEL III. De Heilige Familie is eene
kweekschool van uitmuntende burgers.
Een goed burger is een mensch die de wettige over-
heid eerbiedigt en zijnen evenaaste bemint.En waar vindt
men treffender en uitmuntender voorbeelden dezer deug-
den dan in het H. Huisgezin van Nazareth? Deze Heilige
Familie, zegt Leo XIII, is ons een wonderschoon toonbeeld
aller deugden welke de hedendaagsche wanorden te keer
gaan.
Daarenboven met de Familie van Nazareth te ver-
eeren, vereert men Dengene uit wien alle macht en orde
oorsprong heeft — en hen die het meeste invloed op
Hem hebben, te weten : Maria en Jozef.
I. Ziet hoe Jezus gedurend dertig jaren niets anders
doet dan gehoorzamen: Hij was hun onderdanig. — Hoe
Jozef zelfs aan eenen heidenschen keizer gehoorzaamt,
omdat hij in dezes bevelen den wil van God erkent. —
Hoe Maria zich de nederige dienstmaagd des Heeren
noemt l
Deze lessen van gehoorzaamheid worden aan de leden
der Heilige Familie iedere week ter navolging voorgesteld.
Daar leert men de wettige overheid eerbiedigen, en zich
gewillig aan hare wetten onderwerpen; en die eerbied en
die onderdanigheid zijn voor hen niet alleen burgerlijke
maar ware christelijke deugden. — Zij weten dat
alle gezag van God komt. En wanneer men in de wettige
overheid God zelf erkent, heeft de gehoorzaamheid iets
grootsch en verheven. Men weet deze vermaning van
den apostel werkstellig te maken : Er is geen gezag of het
komt van God : Weesl dus gehoorzaam niet uit vrees, maar
uil gewetensplicht.
-ocr page 139-
©eH.Fam.berjrjruertïjettoeijijn ban\'tVaberlanö. 127
Ziehier hoe men in eene katholieke stad de wettige
overheid weet te vereeren :
In september 1867 deden hunne Majesteit de Koning
en de Koningin der Belgen, een bezoek aan de stad
Sint-Truiden. De straten en huizen der stad waren
overal bevlagd en versierd. De gansche bevolking was te
been. Een machtige kreet: leve de Koning ! leve de
Koningin ! steeg uit aller borsten. Lieve bruidjes, met fraai
versierde bloemkorfjes, strooiden met volle handen geurige
en rijk geschakeerde bloemtapijten op den doortocht van
het koninklijk Paar dat aan de juichende menigte de
levendigste blijken zijner hooge voldoening gaf. Eene
maand later werd de E. H. Deken der stad, te Brussel in
koninklijk verhoor ontvangen. De Koning kon aan M.
Cartuyvels niet genoeg zeggen hoe zeer zijne onthaling in
St-Truiden hem was ter herte gegaan ; nergens,zegde hij,
ben ik zooveel blijken van toegenegenheid en echte
vaderlandsliefde te gemoet gekomen.— Een enkel woord
van den Bestierder der Heilige Familie was genoeg
geweest om dat koninklijk feest op zoo hoogen voet in te
richten, en ten volle te doen gelukken.
II. De broederlijke liefde,door Jezus in het Evangelie,
en door den H. Paulus in zijne brieven zoo dringend
aanbevolen, wordt nergens beter beoefend dan onder de
leden der H. Familie; men kan op hen in volle waarheid
deze woorden van den psalmist toepassen : Wat is het
goed en zoet als broeders bijeen te leven 1
De Prefekten en
Onderprefekten beschouwen hunne bedieningen met de
oogen des geloofs, en beijveren zich om de hun toever-
trouwde leden tot het goedop te wekken,de vergaderingen
vlijtig te doen bijwonen, en door raad en daad hun
dienstveerdig te zijn.
« Duizend maal dank, zoo schreef een lid dat uit laf-
hertigheid de H. Familie van de Madalenakerk te Brussel
verlaten had, duizendmaal dank, Mijnheer de Bestierder,
van mij dien Prefekt als een Bewaarengel thuis gezonden
te hebben om mij tot het Retret uit te noodigen. Hij is
mij tot mijne vroegere vurigheid, of beter, tot het leven
komen terug roepen. » — Hij kwam het Retret bijwonen
en bleef voortaan de H. Familie getrouw.
-ocr page 140-
128 JFroeeöe öecl. — TFtoeeöe Boofbjtftufi.
De liefde vergeet haar eigen zelve, om zich voor het
welzijn van den evenmensch op te offeren. Wat al trekken
van heldhaftige broederliefde zouden wij hier kunnen
aanhalen !
i. In 1866 woedde de cholera bijzonder onder de wer-
kende klas. Een deelgenoot der H. Familie van de
Madalena te Brussel, toonde in die akelige omstandig-
heden eenen waren heldenmoed. Nacht en dag te been,
doorliep hij de gangen en stegen der armste en onge-
zondste wijken om de ellendigen bij te staan die door
iedereen verlaten waren. Een aantal stervenden waren
hem hunne eeuwige zaligheid verschuldigd ; hij bezorgde
hun de laatste H. Sacramenten, moedigde hen aan en
bereidde hen tot eene zalige dood. Daarenboven, telde
men er wel twee honderd die door zijne zorgen aan de
dood ontsnapten. Het staatsbestuur erkende en beloonde
zijne zelfsopoffering met hem de medalie van iste klas te
vergunnen.
2.  In 1868,stierf in dezelfde stad eene deelgenoote der
H. Familie van de Sint-J ozefskerk. Deze persoon had
eenen afgrijselijken kanker ; zij verdroeg hare schrikke-
lijke pijnen met een wonderbaar geduld. De Prefekte
harer afdeeling, Jufvrouw C. L., paste haar op als eene
ware liefdezuster, en drij maal ter week ging zij, in den
vroegen morgen, hare wonden vermaken eer zij naar haar
werk ging.
3.  In 1886, stierf te Ten Ooi de Kapitein F. J., een der
verkleefdste leden der H. Familie van de Madalena. Na het
Vaderland dapper verdedigd te hebben, bracht hij zijne
laatste jaren uitsluitelijk door in het uitoefenen aller
soorten van liefdewerken. Gedurende 25 jaren bleef hij de
Sociëteit van Sint-Vincentius a Paulo en de H. Familie
getrouw. De armen die hij altijd zoo zeer bemind had,
waren het voorwerp zijner laatste zorgen. Hij regelde
nauwkeurig op welke wijze hij zijne kleederen onder de
behoeftigste wilde verdeeld zien. Hij stierf als een heilige.
4.Te Luik toonde Juffrouw F. J.,lid der H.Familie,eene
wonderbare zelfsopoffering. De zieken en noodlijdenden
waren reeds lang hare beste vrienden. Maanden lang ver-
pleegde zij een arme oude, die in een zolderkamerken
-ocr page 141-
De Ü. Fam. bcboröm fjertoeljijn toan\'tVaöerfflnD. 129
aan eenen afgrijselij ken kanker leed. Dag en nacht was
zij uit liefde voor Jezus Christus ten dienste van al wie
zich tot haar wendde.De geldelijke dankbaarheid die men
haar betoonde, stortte zij in den schoot der armen en der
zieken. Zoo bracht die deugdzame dochter, tien, twaalf
jaren haars levens door. Toen de cholera losbrak werd
zij eene ware heldin. Nacht en dag was zij bij het bed der
stervenden : op eenen enkelen nacht bereidde zij twintig
dooden. Eindelijk, uitgeput van krachten, werd zij zelve
door de ziekte aangetast, en, bediend van de laatste H.
Sacramenten, gaf zij vol vreugde en met volle overgeving
aan den goddelijken Wil, hare schoone ziel aan haren
Schepper weder.
5.  Eene andere deelgenoote der H. Familie, Juffrouw
H. L., stierf te Luik in 1881. Zij at niets dan droog brood,
sliep op de bloote planken, stond des nachts op om te
bidden, en bracht haren dag door met alle slag van lief-
dadigheid. Het eten dat zij uit haren mond spaarde droeg
zij naar de zieken. De schamelarmen opzoeken en helpen,
de verdeelde huisgezinnen bevredigen, de onechte huwe-
lijken regelen, de kleine rondzwervers der jaarmerkten
onderwijzen waren hare geliefkoosde bezigheden. Al die
liefdewerken beletteden haar niet de plichten van haren
staat te vervullen. Die heldhaftige dochter stierf op
Goeden Vrijdag, gelijk zij het verlangd had. Na hare
dood vond men, zorgvuldig verborgen, verscheidene werk-
tuigen harer boetplegingen.
6.  Den 20 meert 1872,stierf te Brussel in den ouderdom
van 50 jaren het eerste lid dat in de H. Familie der Sint-
Jozefskerk was ingeschreven. Hij was weerdig om met
het vaandel der H. Familie in de hand, den weg naar den
hemel te openen. Het was de kloeke en manhaftige poli-
tieagent M. A. Proces.
Vrees of menschelijk opzicht kende hij niet. In zijn
uniform van opzichter der stadspolitie woonde hij de
kerkelijke diensten en de vergaderingen der H. Familie
bij, zonder er eens door zijne schuld aan te ontbreken.
Beraden en rechtschapen, openhertig en gezellig, was hij
in hoogachting bij iedereen. Zijne naastenliefde was groot
en edelmoedig. Daar hij geene kinderen had, nam hij,
Aartsbroederschap der II. Familie.
-ocr page 142-
130 TFtoeeöe Deel. — Ttoeeöe KooföjJtuft.
niettegenstaande zijne geringe jaarwedde, twee kinderen
aan, die hij alzoo naar ziel en lichaam redde. Hij toonde
dat de godsvrucht inderdaad tot alles dienstig is, want hij
was zoo heldhaftig in zijne bedieningen als onverschrokken
in zijne christene plichten. Meermalen stelde hij zijn
leven in gevaar om in brand of besmettelijke ziekte zijne
medeburgers ter hulp te komen. Hij bekwam verscheidene
eeremedaliën,en verkortte zelfs zijn leven door zijne al te
groote dienstveerdigheid.
Zijne echtgenoote was eene dier sterke vrouwen welke
God aan de rechtveerdigen tot belooning schenkt. Gedu-
rende de drij jaren en half dat zij haren man ziek te bed
hield, verpleegde en verzorgde zij hem nacht en dag
gansch alleen : zij verliet htm slechts den noodigen tijd
om naar de Mis te gaan en de vergadering der H. Familie
bij te wonen. De gemeenteraad, willende hare groote
edelmoedigheid erkennen, stemde voor haar, terwijl haar
man nog leefde, een buitengewoon pensioen.
-ocr page 143-
DERDE HOOFDSTUK.
De Heilige Familie bezorgt
de zaligheid der zielen.
IJ zijn op deze aarde geplaatst om onze ziel
zalig te maken. God wil, wel is waar, dat wij
I allen zalig worden, doch wij moeten met zijne
gratie medewerken. Helaas ! hoevelen, bijzon-
der in de groote steden, missen hunne zaligheid omdat zij
alleen met het tijdelijke bekommerd, het eeuwige uit het
oog verliezen. Het is dus noodig dat het groote doelwit
van ons leven ons dikwijls worde voor oogen gesteld. En
daarom is eene vergadering der Heilige Familie zoo heil-
zaam en zoo krachtig om den christen mensch van het
kwaad af te houden en tot de deugd aan te wakkeren.
Ook mogen wij de Heilige Familie beschouwen als
eene Ark van Noü waar men zich tegen den zondvloed van
ongodsdienstigheid en zedeloosheid beveiligt. Men vindt
er immers alle middelen ter zaligheid en een ivaarborg
zijner eeuwige voorbeschikking.
ARTIKEL I. De Heilige Familie is voor hare
deelgenooten eene reddingsark.
« De Congregatiën, zegt de H. Alphonsus, zijn als zoo-
vele Arken vanNoë waar de arme wereldlingen schuilplaats
vinden tegen den zondvloed van bekoringen en zonden
welke de wereld overstelpen. De heilige Leeraar beklaagt
de menschen van de wereld, en niet zonder reden. Wat is
er inderdaad beklagensweerdiger dan dagelijks met die
bedorvene en verleidende wereld te moeten omgaan ? Zie
eens wat al moeite, wat al onkosten de goddeloozen zich
getroosten om de zielen in het verderf te storten: «Geene
bloedige vervolging, schreef een dier godsdiensthaters,
neen, maar het volk op alle mogelijke wijzen bederven,
ziedaar wat wij moeten zien gedaan te krijgen.Wij moeten
-ocr page 144-
132 TPtoeeöe Deel. — X>eröe KoofbjStiik.
hun het zedebederf door de vijf zinnen doen inademen,
dat zij het als water indrinken en ervan doortrokken zijn.
Bederft de herten en weldra zal de godsdienst er in
uitgedoofd zijn. Wij hebben het bederf in het groot
begonnen. De Kerk moet onder de vuilnis begraven
worden. »
De arme vvereldlingen die in zulk een verpestend mid-
den leven, moeten noodzakelijk eene reddingsark
hebben welke hen boven dien afgrond in veiligheid doet
voortvaren.
De goede God die, vooraleer door de wateren van den
zondvloed de aarde te overstroomen, aan Noë het bevel
gaf van eene Ark te bouwen, heeft ook, ongetwijfeld, aan
Belletable de Heilige Familie als eene reddingsark aan-
gewezen. Hij die de familie welke Hij wilde bevrijden in
de ark deed binnentreden, heeft ook sedert vijftig jaren
duizende familiën in het Genootschap gered.
Deze ark is toegankelijk voor al de menschen die door
hunnen goeden wil verdienen genade bij God te vinden.
Het doelwit der Heilige Familie is immers de Heilige
Familie van Nazareth te vereeren, en aan de geloovigen
van allen ouderdom, van beide geslachten en van alle
standen, maar vooral aan de werkende klas, krachtdadige
middelen te verschaffen om met zekerheid den weg der
zaligheid te bewandelen.
Om zich in de Heilige Familie aan te geven moet men
geen Heilige zijn, ofschoon er onder haar leden vele
zielen zijn die, onbekend aan de wereld, voor God een
waar heilig leven leiden.
Het eenige dat er vereischt wordt, is van te willen leven
als een goede christen om als een uitverkoren te mogen
sterven.
Hadde men zelfs in zijne jonkheid groote misslagen
begaan, wordt men soms nog door driften of slechte
gewoonten overmeesterd, dat zou eene reden te meer zijn
om zich in de reddingsark der Heilige Familie te laten
opnemen, om zich te beschutten tegen de gevaren van
schipbreuk en eeuwigen ondergang.
Ieder jaar wordt er aan de Vergadering der Heilige
Familie een retret gepreekt, en hoevelen zijn aan die
-ocr page 145-
öe B. Familie bezorgt De .iatiahdö Der jfelen. 133
geestelijke oefeningen hunne bekeering en hunne volher-
ding niet verschuldigd?
Anderen die heel vreemd waren aan de Heilige Familie,
zijn, dank aan de uitnoodiging van eenen vriend of mede-
niakker, een retret komen bijwonen, en hebben er zooveel
smaak en voordeel in gevonden dat zij met vreugde zich
in de Heilige Familie hebben laten opschrijven.
En wat al goed hebben die retretten niet te weeg ge-
bracht? hoe krachtdadig hebben zij bijgedragen tot stich-
tende en standvastige bekeeringen. Hoeveel dochters en
huismoeders zijn, met de tranen in de oogen, de Paters
komen bedanken dat door de bekeering van broeder
of man de vrede enhetgeluk indenhuiselijkenhaard waren
wedergekeerd.Overigens,kent men deze schoone woorden
van den H. Alphonsus: « Ik vrees niet voor de zaligheid
van eenen persoon die komt te sterven binnen het jaar
dat hij een goed retret gedaan heeft. »
Is het dan te verwonderen dat de leden der H. Familie
met hert en ziel aan hunne Vergadering verkleefd zijn?
Een hunner schreef in 1878 : « Ik heb groote spijt de
vergaderingen niet meer te kunnen bijwonen. Gedurende
26 jaar heb ik getrouw opgepast, en ofschoon ik de stad
heb moeten verlaten, geloof niet, Eerweerde Bestierder,
dat voor mij het spreekwoord, uit de oogen, uil de herten
zich heeft verwezenlijkt. In het geheel niet : lederen dag
denk ik aan dat overschoone Genootschap; dagelijks bid
ik de litanie der Heilige Familie. Ik verzoek u mij
mijnen jaarlijkschen patroon te zenden, en mij in de
gebeden der Vergadering aan te bevelen. — Ik blijf tot
mijnen laatsten snik, getrouwen van herte verkleefd aan
Jezus, Maria, Jozef. »
Er zijn er soms die lafhertig de Heilige Familie verla-
ten.Wat beklagen zij zich hunne onstandvastigheid, bij-
zonder op hun sterfbed !
Te Luik was een jongeling die zonder reden de
Vergadering had vaarwel gezegd. Later werd hij doodelijk
ziek, en beklaagde zich bitter over zijn ongeluk. Hij was
als wanhopig. Zijne familie deed den Bestierder der H.
Familie roepen die al de moeite van de wereld had om
den stervende eenige hoop in de ziel te storten.
-ocr page 146-
i34 TFtoeeöe öeel. — X>nöe BoofDjüttik.
ARTIKEL II. De Heilige Familie offert aan
hare getrouwe leden overvloedige middelen
van zaligheid.
« In de stoffelijke wereld geeft God den mensch ruinv
schoots al wat tot leven en onderhoud noodig is:licht aan
den hemel, lucht in de ruimte, vruchten uit den schoot
der aarde. In de bovennatuurlijke wereld zien wij even-
eens Gods milddadige goedheid. Is de Zaligmaker niet uit
den hemel gedaald om ons den weg tot den hemel te
toonen, de waarheid te prediken en het /even in onze
zielen te storten en te onderhouden ?
«Al die middelen ter zaligheid worden overvloedig aan
de leden der Heilige Familie medegedeeld. Een brandende
kool die alleen ligt, verkoelt en is weldra uitgedoofd :
maar legt men een kolenvuur aan, dan ontvlamt en
onderhoudt de eene de andere. Zoo ook verliest een
christen die alleen is, gemakkelijk het vuur der godde-
lijke liefde. In eene Vergadering wordt de eene door den
andere aangevuurd. »
Aldus begon Monseigneur Van Bommel den oprich-
tingsbrief der H. Familie.
Menigvuldig zijn de middelen waarover de Heilige
Familie beschikt om de vurigheid in de herten harer
leden te bewaren en te vermeerderen. De bijzonderste
zijn: de eendracht, het gebed, het woord Gods, en het dikwijls
naderen tot de Heilige Sacramenten.
i. De eendracht: Drijdraad breekt moeielijk, zegt de
H. Schriftuur. Wee aan hem die alleen is, indien hij valt
heeft hij niemand om hem op te heffen.
Die verbroedering bestaat tusschen de leden der H.
Familie die allen maar een hert en eene ziel uitmaken.
Vereeniging der stemmen in gebed en gezang, vereeniging
der herten in onderlingsche liefde — vereeniging der
geesten die allen hetzelfde doel beoogen — vereeniging
van wil in het onderhouden van hetzelfde reglement.
In die groote familie is men niet vreemd aan malkan-
der : het zijn allen broeders en zusters in Jezus, Maria,
Jozef. Men strijdt onder hetzelfde vaandel, men ziet, men
hoort,men gevoelt dat men niet alleen is,en alzoo is men
-ocr page 147-
X>e 33. Famllfe bejorat öe 3tiIighefD Der Melen. 135
sterk om tegen het menschelijk opzicht ten strijde te
trekken, en zich tegen zijne eigene zwakheid te beschut-
ten. Neen, neen, het zijn de leden der H. Familie niet
die voor hunnen godsdienst en hunne christene plichten
niet durven vooruitkomen! Vindt men ze niet overal waar
eenig goed werk te stichten of voor te staan, eenig goed
voorbeeld te geven is ? Neen, zij schamen zich voor
Jezus en zijne leering niet, en Jezus zal zich voor hen bij
zijnen hemelschen Vader ook niet schamen !
2.  Het Gebed. De H. Alphonsus noemt het gebed het
groote middel ter zaligheid. En wat is de H. Familie anders
dan een heiligdom van gebed? Wat zijn de wekelijksche
vereenigingen, anders dan eene aaneenschakeling van
gebeden ? Daar verwezenlijkt men dat gemeenzaam, een-
parigen aanhoudend gebed dat zooveel indruk maakt op
het hert van God,zoo rijk is aan goddelijke beloften en zoo
stichtend voor degenen die er deel aan nemen. Voor tien
recht veerdigen zoude God Sodoma enGomorrha gespaard
hebben : wat zal hij dan niet doen voor die duizende
rechtveerdigen die hem hunne eenparige smeekingen aan-
bieden, voor Kerk en Vaderland, voor de bekeering der
zondaren, voor de zieken en noodlijdenden, en voor het
geestelijk en tijdelijk welzijn van het Aartsbroeder-
schap ? Hoe dikwijls worden de Bestierders der H.
Familie niet verzocht om een gebed van dankzegging te
vragen voor overgroote gunsten die aan de gebeden der
leden worden toegeschreven ?
3.  Het woord Gods. Zalig zij die het woord Gods aan-
hooren en hetzelve bewaren. God heeft zijn woord als een
graan op aarde geworpen, maar dat graan moet gemalen,
gekneed en bewerkt worden,om als een geestelijk voedsel
aan de zielen, elke volgens hare behoeften, te worden
toegediend.
En waar ontvangt het volk voordeeligere en degelijkere
onderrichtingen dan in de H. Familie ? Daar leert de
werkman hert en zinnen van de aarde onthechten en zich
herinneren dat de arbeid, door eenen God geheiligd, hem
moet, met het dagelijksch brood, tevens ook den hemel
doen verdienen ; en dat een waar christelijk leven de
eenige bron is van tijdelijk en eeuwig welzijn. En die
-ocr page 148-
136 TFtoeeöe öeel. — ücröc Eoofbtftuk.
waarheden verneemt hij uit den mond van eenen vader,
van eenen waren vriend die hem door lange en aanhou-
dende studiën dat geestelijk voedsel heeft voorbereid,
terwijl hij, werkman, op zijnen arbeid was neergebukt om
aan zich zelven en aan de zijnen het dagelijksch brood te
verschaffen.
Het geloof is als eene lamp die ons in de duisternissen
van dit tijdelijk leven verlicht: maar die lamp moet
onderhouden worden door de wekelijksche Conferen-
tiën die de herten als met eene heilzame olie vervullen.
4. De HH. Sacramenten. Al de Bestierders der Heilige
Familie getuigen eenpariglijk dat door de Heilige Familie
het dikwijls naderen tot de H. Sacramenten grootelijks
heeft toegenomen. En wie zou durven betwisten dat er
geen krachtiger middel bestaat om de jonkheid kuisch en
zedig, de gehuwden zuiver en getrouw te bewaren, de
slechte gewoonten uit te roeien en het godsdienstig leven
te onderhouden ?
Zelfs de vijanden van den Godsdienst moeten het
bekennen. « Welk behoedmiddel voor de zeden, zegt
Marmontel, vindt de jonkheid niet in de maandelijk-
sche biecht ? » « De vijanden der Roomsche Kerk, zegt
Voltaire, die de zoo noodige instelling der Biecht hebben
aangerand.schijnen den mensch den grootsten teugel tegen
zijne geheime boosheden te hebben willen ontnemen. »
In de Heilige Familie is alles ingericht om het veelvou-
dig ontvangen der Heilige Sacramenten te begunstigen,
en ofschoon iedereen er zijne vrijheid behoudt, zijn er
toch weinigen die niet dikwijls tot de H. Sacramenten
naderen.
De Prefekten en Onderprefekten, zegt het Handboek,
moeten hunne onderhoorigen daartoe aanzetten.
Te Limerick, waar de twee afdeelingen der H. Familie
samen bij de 3000 leden tellen, is dat leger in 3 groepen
verdeeld, die beurtelings den 2en, 3e" en 4en zondag van
iedere maand te biechte en te communie gaan.
Is de H. Familie waarlijk niet die toren van David,
waar men duizend schilden en alle soorten van wapen-
rustingen vindt om den vijand te keer te gaan en zich
tegen zijne aanvallen te bevrijden ? Daarom zegde de
-ocr page 149-
De E. Eamüie besorot t>e salighetö öer piefen. 137
H. Alphonsus : « In het algemeen gesproken, vindt men
meer zonden in eenen enkelen mensch die buiten de Con-
gregatie leeft,dan in twintig die dezelve getrouw bijwonen.»
ARTIKEL III. De H. Familie is een onderpand
van zaligheid voor allen die in haren schoot
sterven.
Wij lezen in het leven van den H. Franciscus van
Hieronymo dat die groote Missionaris te Napels een
mannengenootschap bestierde dat den naam droeg van
Werk7iianscongregatie.Y,zx\\ jongeling die eerst een vurig lid
was geweest, liet zich ongelukkiglijk door slechte gezellen
verleiden en verliet het Genootschap. De Bestierder, na
te vergeefs alle middelen te hebben aangewend, om hem
tot beternis te brengen, wilde door een treffend voorbeeld
al de leden eene ernstige vermaning geven. Hij bekleedt
zich met zijn priesterlijk gewaad, doet zich eene bran-
dende keers brengen, en ook de lijst waar al de namen
der Congreganisten waren opgeschreven. Vervolgens
spreekt hij aan de Vergadering met hertroerende woorden
over het slecht gedrag van hunnen medegenoot, en dan
hief hij den De Profimdis aan, trok, met de oogen vol
tranen, den naam van den ongelukkige uit de lijst, en
verbrandde hem in de tegenwoordigheid van al de aanwe-
zigen. De rampzalige verviel in de diepste ellende, werd
voor zijne schelmstukken tot de gevangenis veroordeeld
waar hij in onboetveerdigheid stierf en op ongewijde
aarde werd begraven.
Zoo waar is het dat diegene alleen zal zalig worden die
tot het einde toe zal volherd hebben.
Is het dus een groot ongeluk de Heilige Familie te
verlaten, dan is het ook waar, van den anderen kant, dat
er niets zoo troostend en zoo verzekerend is voor de zalig-
heid dan in den schoot des Genootschaps te sterven.
Al de Bestierders der Heilige Familie weten, door eigen
ondervinding, dat al de getrouwe leden eene stichtende
en troostvolle dood sterven; dit is eene bijzondere gratie
die het afsterven der leden van de Heilige Familie ken-
schetst.
-ocr page 150-
138 TütoreDe ö«I. — »eröe EoofMuk.
God verlaat nooit degenen die hem niet verlaten. Hebt
gij op den dag uwer Opdracht aan Jezus, Maria, Jozef,
niet beloofd als goede christen te leven om als voor-
beschikte te mogen sterven ? — Een vurig lid der Hei-
lige Familie is zeker van zijne zaligheid. — Het Genoot-
schap is eene Verzekerings-Sociëteit tegen het vuur der
hel.
Ziet dat lid der H. Familie op zijn sterfbed uitgestrekt:
Nauwelijks heeft men vernomen dat hij ziek is, of de
Prefekt en Onderprefekt komen hem bezoeken en troos-
ten. Hij wordt aan de gebeden zijner medebroeders aan-
bevolen; men zorgt dat hij op tijd bediend wordt. Jezus,
Maria, Jozef, komen hem bijstaan. Ware het ons gegeven
met de oogen des lichaams te zien wat bij dat ziekbed
omgaat, dan zouden wij Jozef den stervende zien toe-
lachen, Maria hem met haren mantel beschermen, Jezus
hem met opene armen ontvangen en de engelen hem met
hunne gezangen verwelkomen. Hij ziet daar boven degenen
welke hij op aarde bemind heeft, zijne ouders, zijne mede-
broeders. Ja, zij is waarlijk kostbaar voor de oogen van
God, de dood der leden der H. Familie.
Den 19 meert 1872, stierf te Brussel, in den ouderdom
van 50 jaren M. A. Proces waarvan wij reeds gesproken
hebben. Gedurende drij jaren en half had hij onophoude-
lijk de wreedste pijnen onderstaan. Doch laten wij den
Bestierder spreken die hem op zijn sterfbed bijstond.
« De zieke werd al zwakker en zwakker. Nedergeknield bij
zijn bed begon ik de Litanie van de Heilige Familie te
lezen. Hij antwoordde zachtjes met zulke godsvrucht dat
mijne aandoening mij overmeesterde. Al de aanwezigen
konden hunne tranen niet wederhouden j de stervende,dit
ziende, zeide : « Ik ben nog sterker dan gij allen. » Ik ant-
woordde hem : « Het is niet van verdriet maar van troost
dat wij weenen met u zoowel bereid te zien.» Wij gingen
voort met de Litanie en daarna vernieuwden wij tezamen
de Akt van Opdracht. Ik voegde erbij : « Het is te hopen
dat de H. Jozef u vandaag zal komen halen om u in den
hemel op te voeren. Sterft gij geerne op den feestdag van
den H.Jozef ? »«Gelijk het God zal believen,»antwoordde
hij. Hij kuste met groote vurigheid het kruisbeeldje dat
-ocr page 151-
De E. Familie bezorgt De salig&eiö net stelen. 139
hij in de handen hield,en dat hem zeer dierbaar was om-
dat de Bestierder het hem gegeven had.
« Omtrent vijf uren werden de pijnen zoo hevig dat men
hem twee uren lang hoorde knarsetanden ; de doctor ver-
klaarde dat de doodstrijd begonnen was. Omtrent 7 ure
werd zijn gelaat eensklaps helder en opgetogen, en zijne
groote oogen glinsterden van vreugde en hoop, alsof zij
een hemelsch vertoog beschouwden. Hij stak zijne armen
vooruit alsof hij zich met iemand onderhield. Zijn pleeg-
zoon, die aan zijne zijde stond, vroeg hem of hij iemand
zag. De stervende neigde bevestigend het hoofd. En wat
ziet gij dan ? vroeg de jongeling. De zieltogende antwoord -
de niet, maar deed een teeken met de hand, alsof hij wilde
zeggen : ondervraag mij desaangaande niet; en alzoo slui-
merde hij zachtjes den doodslaap in. Was de H. Jozef
hem waarlijk verschenen ? dit is waarschijnlijk, ofschoon
niemand het stellig zou kunnen bevestigen.De heldhaftige
christen, de voorbeeldige dienaar van Jezus, Maria, Jozef,
kwam zijn pijnlijk ballingschap met het eeuwige Vader-
land te verwisselen, om zich bij de glorierijke Familie des
hemels aan te sluiten.
Een groot getal vrienden en kennissen, en verscheidene
aanzienlijke personen rekenden het zich ten plichte zijne
uitvaart bij te wonen en zijne stoffelijke overblijfsels tot
op het kerkhof te vergezellen.
Over vijfjaren is te Luik onder de mannen der Heilige
Familie het Werk der christene Begrafenissen tot stand
gekomen, onder de hooge goedkeuring van Mgr Doutre-
loux onzen Hoogw. Bisschop. Ziehier het reglement
van dit werk:
1.  Een Comiteit van drij leden staat aan het hoofd van
het Werk om te zorgen dat de zieken bezocht en de be-
grafenissen geregeld worden.
2.  De H. Familie zal zich bij de begrafenis eener harer
leden doen vertegenwoordigen door een zeker getal
mannen die vrijwillig hunnen naam hebben opgegeven.
3.  Deze zullen in twee reien, onmiddelijk achter het
kruis in den lijkstoet plaats nemen, en van aan het sterf-
huis tot aan de kerk den rozenkrans bidden.
-ocr page 152-
i4o JFtoccDc öecl. — Ucröe EoofDjsftuk.
4.  De tegenwoordigheid aan den lijkstoet is verplich-
tend, tenzij zulks gansch onmogelijk zou zijn.
5.  Onmiddelijk na het afsterven van eenen medebroe-
der, zal er aan de leden een uitnoodigingsbriefken gezon-
den worden waarop dag en uur der begrafenis, straat en
nummer van het sterfhuis zijn aangeteekend.
6.  Dit briefken zullen zij tot bewijs hunner aanwezig-
heid, aan een der leden der Comiteit overhandigen.
7.  Men mag hoegenaamd geene uitnoodigingen aan-
veerden, om stoetsgewijs andere begrafenissen dan die
der leden der H. Familie te vergezellen.
8.  Men mag van de familie des overledenen in het
geheel niets aannemen, en na de begrafenis zal de stoet
zich onmiddelijk ontbinden, om geene gelegenheid te
geven in de herbergen te blijven zitten.
9.  De E. P. Bestierder der H. Familie is van rechts-
wege voorzitter van het Werk.
Luik, 8 september 1888.
-ocr page 153-
1 VIERDE HOOFDSTUK. |
j De Heilige Familie bezorgt aan |
j hare leden eene vermeerdering I
j| der hemelsche belooning. |
5^: • HMNZE hedendaagsche maatschappij levert een
I wonder schouwspel op. Van den eenen kant
t zien wij de Kerk overal bestreden, den priester
J hatelijk gemaakt, zijnen heilzamen invloed
belemmerd ; en van den anderen kant, ziet men overal
toegenegene en ievervolle christenen alle slag van goede
werken edelmoedig bijtreden, en de geestelijkheid in hare
zending helpen en bijstaan. Wat al liefdewerken zijn er
sedert vijftig jaren niet tot stand gekomen ! Confe-
rentiën van den H. Vincentius a Paulo, werken van St-
Franciscus Regis, van Sint-Franciscus-Xaverius, Heilige
Familie, Congregatiën, Patronagiën, Werkmanskringen,
en meer andere ievervolle Instellingen.
Omtrent ieder jaar wordt er op de eene of andere
plaats eenig Congres bijeen geroepen waar al die werken
besproken en aangemoedigd worden. Alzoo voelt de
priester zich in zijnen zieleniever ondersteund, en wordt
zijn werkkring meer en meer versterkt en uitgebreid. Hij
voelt dat hij niet meer alleen is. Dit hebben wij bestatigd
in de H. Familie waarvan wij den oorsprong, de werking
en de vruchtbaarheid beschouwd hebben.
Nu gaan wij eenige woorden van aanmoediging toe-
sturen tot de Bestierders, de Beambten en de leden des
Genootschaps. Wij zouden hun gaarne met een Heiligen
Vader zeggen : « Si labor terret, merces invitet. » « Valt
het werk wat lastig, dat de belooning u aanmoedige: want
groot zal uw loon zijn in den hemel. i>
-ocr page 154-
Viertje Booföjftiik.
TPtoeeöe Deel. —
142
ARTIKEL I. De Heilige Familie verschaft aan
hare Bestierders eene vermeerdering der
hemelsche beloon ing.
In het huis mijns vaders, zegt Jezus, zijn vele ver-
blijfplaatsen
(I Joan., 14, 2). De eene ster verschilt in heer-
lijkheid van de andere, zoo is hel ook met de verrijzenis der
dooden,
zegt de H. Apostel Paulus (I Cor., 15-41).
Om de H. Familie wel te bestieren is er voorzeker
zelfsopoffering noodig : « Bedieningen zijn lasten, zegde
Mgr Dechamps, en wie dien last niet gevoelt, vervult zijne
plichten niet. Maar ook hoe meer moeite, hoe grootere
verdiensten,hoe rijkere belooningen.Deiever brengt spoe-
dig tot het toppunt der volmaaktheid. Niets is beter in
de wereld dan de godsdienst: in de godsdienst niets beter
dan de liefde, en in de liefde niets beter dan de iever,
die niets anders is dan eene brandende liefde. »
In de heilige Familie worden alle stoffelijke belangen
ter zijde gesteld. Zij is gesproten uit dit woord: zoekt eerst
het rijk Gods en zijne gerechtigheid, en al het overige zal u
toegeworpen tvorden.
Zij is uitsluitelijk een godsdienstig
werk, en beoogt alleen de zaligheid der zielen. En niets
is God aangenamer dan de zaligheid der zielen te bevor-
deren. Daarom is de Zoon Gods uit den Hemel gekomen,
en toen de Zaligmaker dengene aansprak dien hij aan het
hoofd zijner Kerk ging plaatsen vroeg hij hem: « Petrus,
bemint gij mij? l\'etrus antwoordde: — Heer, gij weet dat
ik u bemin, » — en zoo tot drie maal toe. En wat vraagt
hij hem als bewijs zijner liefde? Dit alleen: « Hoed mijne
lammeren, hoed mijne schapen. » Jezus zegt hem niet,
bemerkt de H. J. Chrysostomus : Indien gij mij bemint
verzaak aan alle tijdelijke bezittingen, vast, en slaap op
den blooten grond, doe groote penitentiën en boetple-
gingen, neen: er is een liefdebewijs dat alles overtreft: het
is een werk van iever, het apostelschap, het werk der
zaligheid der zielen. Hoed mijne schapen.
Niets is dus aangenamer aan God en bijgevolg niets
verdienstiger voor ons dan de zieleniever. Ook verzekert
ons de H. Gregorius dat men zooveel kronen verdient
als men zielen wint. Tot Coronas sibi multiplicat,quot Deo
-ocr page 155-
De Jï. Fam. toermeeröert De fjemetërfje befoonfno. 143
animas lucrifacit. En de H. apostel Paulus telde, voor
zijn eeuwige zaligheid, op de zielen die hij had zalig
gemaakt. Wie toch is onze hoop of blijdschap, of kroon van
roem? Zijl gij het niet voor onzen Heer Jezus Christus bij
zijne komst 1 Ja, zeker gij, gij zijt onze eer e/t blijdschap.
(I Thessal., II, 19).
Wij lezen in de Kerkelijke geschiedenis dat toen de
groote Apostel van ons land, de Heilige Amandus, in
651 in het klooster van Elnone bij Valencijn stierf, de
H. Aldegondis, die aan zijne voeten hare kloosterbeloften
had gedaan, en op het uur van zijn zalig afsterven, voor
het altaar van Onze Lieve Vrouw in haar klooster van
Maubeuge aan \'t bidden was, haren geestelijken vader,
omringd van al de zielen die hij bekeerd had, zag ten
Hemel klimmen.
En gebeurde het ook dat al de leden der H. Familie
aan de zorgen huns bestierders niet zouden beantwoorden,
daarom zal deze zijne belooning niet verliezen. De mee-
doogende Samaritaan wordt ons door den Zaligmaker
als voorbeeld gegeven, niet omdat hij den gewonden
reiziger genezen had, maar omdat hij hem liefdadig ver-
pleegd had.Daarom zegt de H. Bernardus: Curam exhibe
non curationem :
Wat van u vereischt wordt, is dat gij uw
best doet, en niet dat gij bijval hebt.
En is het reeds hier op aarde niet eene zoete belooning
te zien hoe de leden der H. Familie de zelfsopoffering
hunner Bestierders weten te waardeeren, en hunne dank-
baarheid betoonen met hun heilzame vermaningen in
het werk te stellen en krachtdadig hunne zaligheid te
behertigen ?
ARTIKEL II. De Heilige Familie verschaft
aan hare Beambten eene schoonere kroon
in den Hemel.
God, die aan zijne engelen bevolen heeft de elementen
te bestieren en de menschen te bewaren, geweerdigt zich
ook van de Heiligen, van de priesters en zelfs van som-
-ocr page 156-
i44 JütoeeDe ütel. — "VlerDe Koofbjiftuk.
mige leeken te bedienen als medehelpers in het groote
Werk onzer zaligheid.
De H. apostel Paulus spreekt in zijne brieven van
zijne medehelpers en zelfs van godvruchtige vrouwen die
hem ter hulpstonden.
De H. Franciscus van Hieronymo bediende zich ook
van leeken in zijne Missiën om het volk bijeen te roepen
en in orde te houden.
De H. Alphonsus had insgelijks ieverige leeken die
hem in het Werk der Kapellen ter zijde stonden en waar-
van er verscheidene in geur van heiligheid gestorven zijn.
Zoo ook heeft God zich van Belletable bediend om de
H. Familie te stichten, en gebruikt nog gedurig de Pre-
fekten en Onderprefekten om het Hem zoo dierbaar
Genootschap in vurigheid en voorspoed te onderhouden.
Ook zal hunne belooning groot zijn in den Hemel.
De H. apostel Tacobus verzekert dat men, met eenen
zondaar te bekeeren, zijne zonden uitwischt en zijne
ziel zalig maakt. — Hebt gij eene ziel gered, zegt de H.
Augustinus, zoo hebt gij uwe eigene ziel voorbeschikt.
De H. apostel Paulus zegt insgelijks dat de namen der
leeken die hem in het verspreiden van het H. Evangelie
bijstonden in het boek des levens zijn opgeteekend.
\' De H. Chrysostomus betuigt dat het aangenamer is
aan God, eene ziel te bekeeren dan al zijn geld en goed
aan den arme uit te deelen.
Nu, heeft God in de H. Schriftuur beloofd dat de
aalmoes van de eeuwige dood bevrijdt, de ziel van hare
zonden zuivert, bermhertigheid en eeuwige zaligheid doet
vinden, welk zal dan de belooning niet zijn van dat uit-
muntend geestelijk Werk van bermhertigheid, de zalig-
making der zielen ? Voorzeker zal voor hen die schoone
belofte van den profeet verwezenlijkt worden. Zij die aan
anderen de wegen der gerechtigheid zullen geleerd hebben,
zullen blinken als sterren in de eeuwigheid.
(Dan., 12-3).
Die ieverige zielen vindt men overal. Een onzer Paters
schrijft uit Cuenca (Evenaar) dat daar een godvruchtige
dochter in Delig, een dorp van drie duizend Communi-
kanten, een bloeiend genootschap van vrouwen, en ook
van mannen had tot stand gebracht, en dat na een Retret
-ocr page 157-
De K. Fam. bermeerDert De fjemetëcfje belooni\'ng. 145
door onze Paters gepredikt, vier honderd leden er met
ongemeene blijdschap hunne opdracht deden.
De Prefekten en Onderprefecten kunnen,door hunnen
iever en hunne waakzaamheid, een ongeloofelijk goed te
weeg brengen. Zij zijn als de ziel des Genootschaps : zijn
er soms leden die slecht oppassen, dan zijn de Prefekten
daar om ze te verwittigen en aan te sporen.
De nalatige leden, ziende de belangstelling der Prefek-
ten, en wetende dat zij in het oog gehouden worden en
dat hunne afwezigheid wordt aangeteekend, komen tot
inkeer. Wierden zij gewaar dat men ten hunnen opzichte
onverschillig is, zoo zouden zij weldra het Genootschap
verlaten. — En wat al deugden van zelfopoffering, van
geduld en langmoedigheid hebben de Prefekten niet uit
te oefenen. Daar de zieken bezoeken, hier de afwezigen
vermanen, nieuwe leden aanwerven : welken rijken oogst
van verdiensten voor den schoonen Hemel! — In waar-
heid, in waarheid, ik zeg het u, hetgeen gij aan de minste
mijner broeders zult gedaan hebben, hebt gij mij zelven
gedaan.
O met welke vreugde zullen die ieverige Beamb-
ten door Jezus, Maria, Jozef, bij hunne intrede in
de eeuwigheid verwelkomd worden. Welke schoone
loon staat hen te verwachten ! Ja, verheugt en verblijdt
u, want overgroot zal uwe belooning zijn in den Hemel.
(Luc.
6-23).
ARTIKEL III. De getrouwe leden der Heilige
Familie mogen zich ook aan eenen overgroo-
ten loon in den Hemel verwachten.
Voorzeker kan men ook buiten de Heilige Familie een
christelijk leven leiden. Nochtans, wat al hulpmiddelen,
wat al voordeden vindt men in het Genootschap niet om
het vluchten der zonden, en het beoefenen der deugden
te vergemakkelijken!
Herinneren wij ons wat de H. Alphonsus zegt: « In het
algemeen, bedrijft een enkel mensch, die aan geene Con-
gregatie toebehoort, meer zonden dan twintig leden van
een geestelijk Genootschap. »
Aartsbroederschap der H. Familie.
10
-ocr page 158-
146 *Ftoeet>e Deel. — "VierDe Eoof&jfttifi.
In de Heilige Familie hebben de leden de schoone
voorbeelden van Jezus, Maria, Jozef gedurig voor oogen.
Daar worden hun onophoudelijk drij middelen van
zaligheid ter hand gesteld : het gebed, de christelijke
onderrichting en het dikwijls ontvangen der HH. Sacra-
menten, die als drij levende fonteinen, aanhoudend de
Vergadering als eenen lusthof besproeien om hem de
schoonste bloemen en vruchten van deugden en goede
" werken doen voort te brengen ; immers het gebed voedt,
de predicatie verlicht en de H. Sacramenten zuiveren en
versterken de ziel.
Buiten de H. Familie, bestaan die heilzame middelen
ook wel, maar hoevelen die er maar weinig of geen
gebruik van maken. In de wereld wordt er weinig of niet
gebeden, men vlucht de sermonen en het gebruik der
H. Sacramenten. Ook gelijken die zielen meestal aan
eenen verdorden en onvruchtbaren grond, die niets dan
distels en doornen voortbrengt. In zulke huisgezinnen zijn
de onderlingsche liefde, de getrouwheid, de verdraag-
zaamheid, het gemeenschappelijk gebed, en de familie-
geest schier onbekend: alles is er koud en onverschillig.
Treden wij nu in een huisgezin waar man en vrouw van
de H. Familie deel maken : men ademt er als eene lucht
van geluk en godsvrucht in. Een blinkend kruisbeeld
versiert den schoorsteen, een schoon Lieve Vrouwbeeldje
lacht u toe tusschen geurige bloemen, de huiselijke haard
is als een heiligdom waar het gemeenschappelijk morgen-
en avondgebed als een welriekende wierook ten hemel
stijgt. Vraagt aan dien werkman hoe zijn leven is inge-
richt : hij zal u zeggen dat geene feestvergadering, geene
herberg hem zoo dierbaar is als zijn huisgezin,dat hij wel
te strijden heeft tegen het menschelijk opzicht, tegen den
eenen of anderen medegast die hem \'s zondags zou willen
medesiepen naar verderflijke vermaken, en des maan-
dags van de H. Familie afhouden, maar dat het zoet
genot van een waar christelijk leven hem voor dit alles
rijkelijk vergoedt, en dat er geen wereldsche bijeenkomst
hem het genoegen der wekelijksche vergadering in de H.
Familie kan verschaffen.
Vraagt aan die huismoeder, lid van de H. Familie, of
-ocr page 159-
üe K.Bam.toermeeruert öe ïjemeitfcfje belonnfna. 147
zij met haar lot tevreden is : zij zal u antwoorden dat zij
nergens zoo gelukkig is dan in haar huis met haren man
en hare lieve kinderen, die zij in eer en deugd weet op te
voeden. Onnoodige kosten worden er niet gedaan, alles
is er zuiver, zindelijk en voorspoedig. Ja, men gevoelt
dat Jezus, Maria en Jozef hunnen zegen over dat chris-
telijk huishouden nederstorten en dat die goede moeder
in dewekelijksche vergadering moed en sterkte put om, de
lasten van het huwelijk met opgeruimd gemoed te dragen.
Wat al christelijke deugden worden niet uitgeoefend in
een gezin dat het Heilig huis van Nazareth tot voorbeeld
neemt. Zulke familie beantwoordt volkomen aan het
toonbeeld dat Leo XIII aan alle christelijke huishoudens
voorstelt, om hun geluk hier op aarde, en hun eeuwig
geluk hiernamaals te verzekeren.
De edelmoedige Proces waarvan wij hierboven de
troostvolle dood verhaalden, zeide tot zijne weerdige
gemalin : « Vrouw, wat zijn wij toch gelukkig van Onzen
Lieven Heer te beminnen. Ik zou mijn lot niet willen ruilen
met de rijkste en gezondste menschen van de wereld die
geenen godsdienst hebben.
»
O wat geeft de Heilige Familie troost en sterkte in
lijden en smerten, maar bijzonder in het uur van sterven.
Een brave man van de Vergadering der Madalena, te
Brussel, moest eene smertvolle operatie aan de oogen
ondergaan : men wilde hem in slaap brengen : « Wat,
zegde hij, heeft Onze Lieve Heer zich doen in slaap
brengen om die schrikkelijke dood des kruises te onder-
staan ? En ben ik geen christen ! »
Eene dochter van 24 jaar, lid van de H. Familie van de
S. Jozefskerk te Brussel, was sedert lang door eene
longziekte op een bed van pijnen uitgestrekt. Geene
enkele klacht ontging haar. Zij offerde niet vreugde haar
leven op, ontving met de teederste godsvrucht de laatste
HH. Sacramenten, en zonder doodstrijd, ontsliep zij
onder het aanroepen van Jezus, Maria, Jozef.
Wat al mannen zijn niet door de Heilige Familie tot
bekeering gekomen.Wat al armen en noodlijdenden heb-
ben er niet de verduldigheid en de tevredenheid met hun
lot geleerd. Wat al rijken en welhebbenden hebben er niet
.-
-ocr page 160-
i48 JFtoeeöe öeel. — Vieröe Eoofbjftufe.
leeren liefdadig en vrijgevend worden. Hoevelen hebben
er niet hun geloof versterkt, hunne zeden verbeterd,
hunnen zieleniever aangevuurd. Allen vinden er troost
en zegen, met de verzekering, indien zij getrouw blijven,
van tusschen de armen van Jezus, Maria, Jozef, eene
zalige dood te sterven.
-ocr page 161-
! VIJFDE HOOFDSTUK. |
De Heilige Familie hervormt W
gansche steden.
              %
1. Luxemburg.
gjjps^pï.E Goddelijke Voorzienigheid heeft te allen tij-
v eSrdfl ^e\' v0^gens de noodwendigheden der omstan-
|^%1 digheden,doelmatige geneesmiddelen voorbe-
r-*-^*^M; waard.Zoo heeft zij in onze dagen van ongeloof
en zedebederf, de Heilige Familie doen ontstaan om
gansche bevolkingen tot hunne christelijke plichten terug
te brengen. Daarvan levert het Groot-Hertogdom van
Luxemburg een treffend voorbeeld op.
De fransche omwenteling had daar veel kwaad gedaan,
en 1848 had er ook groote onheilen teweeg gebracht.
De Paters Redemptoristen, die er zich toen kwamen ves-
tigen, hadden weldra door hun ieverig en stichtend leven
de hoogachting en het vertrouwen van het volk gewonnen.
In 1851 gaven zij in de hoofdstad eene missie die met
den besten uitslag bekroond werd. Om deze zoo kostbare
vruchten te bewaren, dacht men aan het instellen der H.
Familie, doch zulks gebeurde niet zonder hevige tegen-
kantingen. Pater Zobel, stichter en eerste overste van
het klooster van Luxemburg, was de man door God
gezonden om die moeielijkheden te keer te gaan en het
Genootschap tot stand te brengen. Voorzichtigheid, bera-
denheid en kracht van wil, iever en werkzaamheid, ken-
schetsten dien waren zoon van den H. Alphonsus.Met de
noodige volmacht voorzien begon hij een Genootschap
van jongelingen. Hij deed zijn eerste sermoon in de
cathedrale kerk den 18 april 1852, en zoo groot was zijn
bijval dat den zelfden avond 300 jongelingen zich lieten
opschrijven. De vaders en moeders kwamen zelven hunne
zonen aan den Bestierder aanbieden.
De vijand van alle goed kon dit zoo verdienstelijk Werk
-ocr page 162-
150 Jütoeeöe Heel. — Vijfbe KoofDtfttift.
niet onbestreden laten. Beschimpingen en bespottingen,
versmadingen en lasteringen, alles werd in het werk ge-
steld om de Heilige Familie hatelijk te maken, en ten
onder te brengen. Doch niets was bekwaam om die edel-
moedige jongelingen, wier getal dagelijks aangroeide,
te doen achteruit deinzen.
Wat bijzonder aan het menschelijk opzicht den
doodsteek toebracht, was die schoone instelling der
Generale Communie door Pater Zobel ingericht. — « Tot
daartoe, zoo schrijft een ooggetuige, zag men maar zelden
buiten den paaschtijd, eenen manspersoon te Communie
gaan en nu was het niet zeldzaam 700, 800 jongelieden te
zamen aan de Tafel des Heeren te zien nederknielen.
De goddelijke diensten, die bijna door geen mannen-
volk meer gevolgd werden, telden nu iederen zondag een
groot getal aanwezigen. De processiën van het H. Sacra-
ment en van Onze Lieve Vrouw, troosteres der Bedrukten,
werden nu door de tegenwoordigheid van honderde jonge-
lingen met stichtende godsvrucht bijgewoond. »
Dit goed voorbeeld had weldra den heilzaamsten
invloed niet alleen in de stad, maar ook in de omliggende
dorpen, zoodanig dat op korten tijd zestigGenootschappen
van mannen, jongelingen en jonge dochters in het Groot
Hertogdom werden opgericht die allen door onderlingsche
liefdeen verbroedering vereenigd,een onberekenbaar goed
stichtten.
Toen in 1854 de cholera in de stad Luxemburg los-
brak, boden de jongelingen der Heilige Familie zich
edelmoedig aan om de zieken te verplegen. Een ander
liefdadig Werk sproot uit het Genootschap, te weten de
Bescherming der jonge leergasten, waardoor de arme kinde-
ren werden opgeleid en geholpen om eene eerlijke brood-
winning aan te leeren.
Het was ook rond dien tijd dat Pater Zobel zijn
Gebedenboek uitgaf ten gebruike der leden der Heilige
Familie : dat schoon boek telt reeds zeven uitgaven.
Tot nu toe hadden de vergaderingen in de hoofd-
kerk plaats gehad. Doch weldra mochten de Redemp-
toristen eene schoone kerk bouwen die den 29 Juli 1858
plechtig werd ingewijd en waar voortaan de Heilige Familie
-ocr page 163-
X>e E. Famfffe ïjertoocmt gan^cfje treden. 151
werd naar overgebracht. Nu kwam er ook eene afdee-
ling van mannen tot stand die, op korten tijd, niettegen-
staande alle soort van tegenkantingen, 500 leden telde
uit alle standen der maatschappij. Daardoor werd de
ongelukkige gewoonte van geldspelen en dronkenschap
krachtdadig aangerand : de goddelijke diensten werden
overal vlijtig en stichtend bijgewoond; het zondagvieren,
dat zeer verwaarloosd was, werd overal ieverig onder-
houden en alzoo begon vrede en eendracht in de huisge-
zinnen te heerschen.
In 1S59 werden de relikwieën van den H. Theophilus
met de allergrootste plechtigheid naar de kerk der Paters
Redemptoristen overgebracht. Paus Pius IX had de
stoffelijke overblijfsels van dien jongen Martelaar aan
Pater Zobel ten geschenke gegeven als een bewijs zijner
hoogachting voor zijnen persoon en voor het Genoot-
schap dat hij met zooveel iever bestierde. Het lichaam,
in een schoon wassen beeld, rijkelijk versierd opgesloten,
werd processiegewijs naar hetaltaar van de Heilige Familie
overgebracht. De leden van \'t Genootschap begeleidden
dien stoet met eene flambeeuw in de hand ; en nu nog
wordt jaarlijks dit heugelijk feest vernieuwd, en door eene
generale Communie der jongelingen geheiligd.
En wat heeft de Heilige Familie al niet bijgedragen om
de Paterskerk te versieren en de godsdienstige plechtig-
heden op te luisteren ?
Het schoon altaar dat de relikwieën van den H.
Theophilus bevat, het overschoone vaandel, de muziek-
sociëteit van de Heilige Familie en meer andere treffende
gedenkstukken van iever en verkleefdheid bewijzen genoeg
dat de liefde voor het Genootschap in aller herten diepe
wortelen heeft geschoten.
In 1859 zond de Heilige Familie aan den Paus een
hertroerend adres, waarin zij aan den H. Vader hare
verontweerdiging te kennen gaf voor de heiligschendende
ontrooving der pauselijke Staten. In 1877, ter oorzake van
het Bisschoppelijk jubeljaar van den Paus, droegen meer
dan 500 leden eene generale Communie op voor Zijne
Heiligheid, en zonden hem eene rijke gift. Bij zijn zalig
afsterven werd Pius IX door die brave herten als een
-ocr page 164-
152 Jütoeeöe öeel. — "Vijfde Eoofitftufe.
ware vader betreurd. — En, als echte kinderen der H.
Kerk, hebben zij ook aan de inhuldiging en aan het
gouden jubeljaar van Leo XIII gulhertig deel genomen,
zoowel als aan de schoone feesten die in de Paterskerk
gevierd werden ter gelegenheid der zaligverklaring van
den Gelukz. Clemens Maria Hofbauer en van Br. Gerardus
Majella.
De Heilige Familie der jongelingen heeft ook in 1877,
en die der mannen in 1883, het 2 5ste jaar van haar bestaan
plechtig en geestdriftig gevierd.
Voegen wij er nog bij dat, bij het afsterven van een lid
des Genootschaps, een groep mannen en jongelingen met
vaandel en flambeeuwen den lijkstoet vergezelt. De
H. Mis wordt tot lafenis zijner ziel opgeofferd en in de
volgende vereeniging wordt de Rozenkrans tot hetzelfde
inzicht gebeden.
Moge deze schoone instelling haren iever en gods-
vrucht bewaren en steeds zien aangroeien; en alzoo, onder
de bescherming van Jezus, Maria, Jozef, voortgaan met
de rijkste vruchten van heil en zaligheid voort te brengen.
II. Frosinone (Pauselijke Staten).
Frosinone is eene stad van tien duizend zielen. Onze
Paters hadden er in 1855 eene zending gepreekt die veel
goed had te weeg gebracht. Om die heilzame vruchten te
bewaren, vereenigde Pater Citarella van tijd tot tijd een
derligtal mannen in onze kerk van Onze Lieve Vrouw van
Gratie.
P. Carbone, Rector van het klooster, begaf zich
naar Rome en sprak aan P. Douglas, Provinciaal, over
die vereeniging. Deze raadde hem aan de Heilige
Familie in te stellen, wier heilzame uitwerksels van dezen
kant der Alpen, reeds te Rome bekend waren.
In 1856 werd dus de Heilige Familie in de kerk van
O. L. V. van Gratie wettig ingesteld, en met het Aarts-
broederschap van Luik verbonden : omtrent 40 mannen
werden er in opgenomen. Het Reglement werd nauw-
keurig nageleefd, en buiten de Prefekten en Onder-
-ocr page 165-
»e DB. Bamtiie fjecbormt gartfche jJteöen. 153
prefekten werd er ook een Novitiemeester voor de
bijkomende leden, een leveraar tot bewaking der Leden
en een Koster voor de kapel aangesteld.
De leden vergaderden alle zon-en feestdagen \'s namid-
dags in de bidplaats tegen de sacristij der kerk. Drij
maal \'s jaars deden zij eene generale Communie, woon-
den jaarlijks in de Paterskerk het Retret bij waar ook de
andere geloovigen konden aan deel nemen. Bij het
huiswaarts keeren zongen de leden litaniën en gezangen
in de straten, en het volk verlichtte de vensters hunner
woningen op hunnen doortocht.
In de Goede Week gingen de leden stoetsgewijs de
kerken bezoeken om het H. Graf te vereeren. Te
Frosinone bestond het aloud gebruik van, tijdens groote
droogte, de beelden van de HH. Silverius en Hormisdas,
twee pauzen geboortig van Frosinone, processiegewijs in
de straten der stad rond te dragen. Nooit was het be-
trouwen der inwoners in hunne Heilige Patronen teleur
gesteld geweest. Doch, in het jaar dat de Heilige Familie
was opgericht, bleef de hemel gesloten, totdat de groep
van Jezus, Maria, Jozef met de twee andere beelden in
de processie werd rondgedragen.
Voor de zieken en voordeoverledene leden werd hier ook
gezorgd en gebeden gelijk in de andereGenootschappen.
De Heilige Familie werd weldra,door haren heilzamen
invloed, eene ware zegening voor de gansche stad : op de
zon- en feestdagen zag men tijdens de goddelijke diensten,
geen mensch in de straten. In de huisgezinnen heerschte
vrede en godsvrucht, men hoorde geen vloeken noch
slechten klap meer. De stad was als het toonbeeld eener
ware christene stad geworden. Deleden verspreidden overal
den geur hunner deugden en goede voorbeelden zoodanig
dat priesters, kloosterlingen, en zelfs Bisschoppen en
Kardinalen het een eere rekenden zich in de Heilige
Familie te laten opschrijven.Zoo maakte onder anderen de
tegenwoordige Abt van Casamari, Don Gabriël Paneccea,
Monseigneur Maurizi, Bisschop van Veroli, en de Kar-
dinaal von Reisach, deel van het Genootschap : de
priesters,religieuzen en kanunhikken waren er in 1870 ten
getalle van 50.
-ocr page 166-
i54 JFtoeeöe Deel. — Vfjföe Eoofbjtftiift.
Ook werd de bidplaats weldra veel te klein. In 1863
deed de Z. E. P. Mauron, Generaal der Redemptoristen,
op eigene kosten eene schoone kapel bouwen waar 350
leden vergaderden, en waar een prachtig altaar aan de
Heilige Familie werd opgericht.
In Mei 1863, kwam Paus Pius IX naar Frosinone, en
begaf zich naar onze kerk. De leden der Heilige Familie
op het voorplein der kerk in schoon orde vergaderd,
ontvingen Zijne Heiligheid met palmtakken in de hand.
De Paus wenschte hun geluk, en sprak hun deze merk-
weerdige woorden toe : Ik had reeds lang verlangd, tot
verbetering der maatschapij, een Genootschap in de Kerk te
zien tot stand komen, ter eere van de Heilige Familie, die
eertijds op aarde zoo veracht is geweest.
De Paus klom
vervolgens op de eerste verdieping van ons klooster,
toonde zich aan het venster en gaf aan de juichende
menigte zijnen pauselijken zegen.
Om vurigheid en regeltucht te onderhouden moeten
de leden wier gedrag te wenschen laat, niet onbestraft
blijven.Een eerste fout werd met eene penitentie bestraft;
herviel men een tweede maal,dan moest de plichtige met
een kruis op den schouder in de bidplaats voor zijne
medebroeders verschijnen ; voor eenen derden misslag,
moest hij met het kruis beladen, de bidplaats verlaten, en
langs het kerkplein de kerk binnenkomen in de tegenwoor-
digheid van al het volk; na eenen vierden val,werd hij on-
verbeterlijk verklaard en uit de Congregatie verbannen.
Deze uitsluiting gebeurde in de tegenwoordigheid van
gansch het Genootschap, üe Bestierder met rokelijn en
zwarte stool bekleed, las luidop de verbanningsakt, dat
een soort van excommunicatie was, en dat eindigde met
een gebed waarin hij God smeekte van toch den plichtige
niet uit het boek des levens te wisschen, maar zich zijner
in het uur der bermhertigheid te ontfermen. Deze uitslui-
ting was door de gansche bevolking als eene oneer en
eene schandvlek beschouwd: zoo hoog stond het Genoot-
schap in de algemeene achting.
Kleine Congregatie. Om de kleine jonkheid van alle
gevaren van verleiding te bevrijden, en in hunne
herten de deugd en de godsvrucht te ontwikkelen, was
-ocr page 167-
De E. FamfHe ïjecbocmt gartfcïte *?teöen. 155
P. Carbone,op het gedacht gekomen, ook voor hen eene
Congregatie op te richten.
Deze Vergadering was als eene voorbereiding tot de
H. Familie en vulde de leemten aan door de dood of
dóór het wegblijven van sommige leden in de groote
Congregatie veroorzaakt.
Beide Vereenigingen waren voorspoedig, en telden te
zamen ongeveer 800 leden, toen in 1870 door de inbraak
der Piemonteezen in de Pauselijke Staten, alles werd om-
ver geworpen. Het beheer van Frosinone,onder voorwend-
sel dat de H. Familie eene politieke vergadering was,
gaf bevel van dezelve te ontbinden. Men zag weldra,
dat men eene groote domheid begaan had. Welhaast
staken de ondeugden en euveldaden weer het hoofd op :
maar het was te laat: de tijdsomstandigheden lieten niet
meer toe het Genootschap op nieuw in te richten.
-ocr page 168-
ZESDE HOOFDSTUK. |
j| De Heilige Familie in Amerika. K
I. Vereenigde Staten.
j^^SANK aan de zonen van den H. Alphonsus
W Ku^fc ( werd c\'e ^\'- familie ook in de Nieuwe Wereld
fiTE^?/ \'n,"eP\':inl en schoot er weldra diepe en stevige
KfrfM^a; wortelen. De vermaarde P. Bernard Hafken-
scheid, die in Januari 1849 ult Luik naar Philadelphia,als
plaatsvervangend Provinciaal vertrok, vond er het Genoot-
schap reeds bloeiend en veel belovend.
Hij schreef naar Luik om de verbinding met het Aarts-
broederschap te vragen, doch zijne brieven gingen in
eene schipbreuk verloren.
Meestal de Genootschappen der Vereenigde Staten zijn
in het Aartsbroederschap ingelijfd. Overal bestaan zij
uit vier afdeelingen, die zich beurtelings iederen zondag
der maand vereenigen. De getrouwde mannen, de vrou-
wen, de jongelingen en de jonge dochters vergaderen
ieder afzonderlijk; op verscheidene plaatsen heeft men
voordeelig geacht er ook eene Congregatie van kleine
jongens en meisjes bij te voegen, die na hunne eerste
communie in voorbereidende afdeelingen worden opge-
nomen.
De leden communiceeren gewoonlijk op den dag hun-
ner vereeniging.
Wij willen hier eenige bijzonderheden over de Heilige
Familiën mededeelen in de Nieuwe Wereld waarvan
Pater Bernard vol verwondering schreef: « Wat groeit de
bevolking hier verbazend aan! Welke voorspoed in
handel en nijverheid ! En wat den godsdienst betreft, de
zondag wordt hier beter gevierd dan in eenig land van
Europa. »
1. Philadelphia. De Heilige Familie houdt hare verga-
deringen sedert 1848 in de Sint-Pieterskerk, zij telt er
-ocr page 169-
De Keilige Familie in Hmerifia.           157
256 mannen, 736 vrouwen, 200 jongelingen en 690 jonge
dochters. Deze 1882 leden wonen regelmatig en ieverig
de vereenigingen bij, en gaan meestal geregeld alle maan-
den te communie.
Er bestaat in de stad een tweede Genootschap in de
Sint-Bonifaciuskerk, waar 316 getrouwde mannen, 625
vrouwen, 200 jongelingen en 318 jonge dochters beurte-
lings vergaderen ; zij zingen en bidden in het duitsch,
en zijn zeer ieverig. Bij het afsterven van een medelid
wordt voor zijne ziel een lijkdienst gezongen, waarvan
eene gezamenlijke bijlage de kosten dekt.
2. Ballimore. Deze stad telt drij Genootschappen.
a)  Eene in de Sint-Jacobskerk die 340 mannen, 600 vrou-
wen, 200 jongelingen en 300 jonge dochters telt. Daarbij
eene voorbereidende afdeeling van 300 kinderen; dus in
het geheel 1740 deelgenooten; zij zijn getrouw aan hunne
maandelijksche communiën en ook aan de generale com-
muniën, die hier met groote plechtigheid gedaan worden.
b)  De tweede vergadering heeft plaats in de Sint-Michiels-
kerk en telt 550 mannen, 1050 vrouwen, 250 jongelingen
en 400 jonge dochters, c) Een derde Genootschap is
sedert 1876 ingericht in de kerk van het Heilig Hert
(Hooglandstad) en telt 420 leden. Deze bloeiende Ge-
nootschappen hebben niet weinig bijgedragen om in de
stad Baltimore de goede betrekkingen tusschen de gees-
telijkheid en het volk te versterken, en de katholieken
te beschutten tegen den verderflijken invloed der kette-
rij en der buitensporige vrijheid.
In 1887 hebben de leden der verschillige vergaderingen
een adres van gelukwensching gezonden aan O. H. Vader
den Paus ter gelegenheid van het gouden jubeljaar zijns
priesterschaps.
3.  Piitsburg, stad van 100,000 inwoners, is het eerste
verblijf geweest der Redemptoristen in Amerika (1838).
De Heilige Familie, die sedert 1851 in de Sinte-Philome-
naskerk is opgericht, telde van het begin af 1200 leden,
die thans in de verschillige parochiën der stad hunne
vergaderingen houden.
4.  Buffalo. De kerk van Onze-Lieve-Vrouw is de zetel
van een Genootschap dat sedert 1858 met het Aartsbroe-
-ocr page 170-
158 iFtoceöe neef. — ze^öe HoofDjStufi.
derschap van Luik verbonden is. Toen in 1885, Monsei-
gneur Ryan de nieuwe statuten des Genootschaps goed-
keurde, schreef hij er deze merkweerdige woorden bij :
Ik beveel het Genootschap vurig aan de geloovigen, als zijnde
uitmuntend geschikt om op onze dagen den geest van gods-
vrucht en geestelijken voortgang te be7>orderen, het geloof te
versterken en denfamiliegeest te onderhouden.
Het Genoot-
schap telt 810 leden in afdeelingen verdeeld; de maande-
lijksche communiën worden er ieverig gevolgd.
5.  Nnu- York. Die groote stad bevat verscheidene
Genootschappen der Heilige Familie. Het eerste werd
opgericht in de kerk des Allerheiligsten Verlossers den
25 meert 1861. In 1872 vierden zij het zilveren jubeljaar
der oprichting van het Aartsbroederschap en bij die gele-
genheid gingen er 2800 personen te communie. De Ver-
gadering telde alsdan 2784 deelgenooten,die tot stichting
dienen der gansche stad, te midden der onverschilligheid
hun geloof zuiver bewaren, en hunne christelijke plichten
getrouw blijven.
In 1867 werd er in de parochie der Onbevlekte Onlvan-
genis
eene tweede Vergadering ingesteld ter gelegenheid
eener Missie; 300 personen lieten zich inschrijven. Na
vele wisselvalligheden telt dit Genootschap 530 ledeïi.
In november 1890 kwam er een derde Genootschap
tot stand in de kerk van O.L. V. van Gedurigen Bijstand.
484 leden, verdeeld in Engelschen en Bohemers, stichten
de stad, en luisteren de goddelijke diensten en proces-
siën op.
6.  Boston. De H. Familie werd er in 1872 opgericht
in de kerk van O. L. V. van Gedurigen Bijstand, door
de zorgen van den E. P. Gross, Redemptorist, en tegen-
woordig Aartsbisschop van Portland (Oregon). De begin-
sels waren wonderschoon. In min dan twee jaren lieten
twee duizend leden zich opschrijven. Later verslapte die
iever. Tegenwoordig telt zij 1240 leden en eene voorbe-
reidende afdeeling van 750 kinderen die hunne eerste
communie gedaan hebben.
7.  Chicago. De Sint-Michielsen Sint-Alphonsus parochie
hebben beiden een Genootschap der H. Familie dat voor-
spoedig is en in het Aartsbroederschap van Luik ingelijfd.
-ocr page 171-
»e Eeflfge Familie In Smerffta.          159
8.  Nieuw Orleans heeft ook twee Vergaderingen die
sedert 1853 met het moedergenootschap van Luik verbon-
den zijn, en veel goed in de stad te weeg brengen.
9.  Sint-Louis heeft zijne Vergadering in de kerk van
den H. Alphonsus en doet er veel goed onder de wer-
kende klas.
Canada heeft ook verschillige Genootschappen der
H. Familie. Verscheidene kerken van Toronto bezitten
eene Vergadering, namelijk de Sint-Patdus kerk waar
Monseigneur O\'Mahoney, z. g., Bisschop van Eudocia,
met veel iever en bijval het Genootschap bestierde, en
de Sint-Patricius kerk, waar 400 leden hunne gewone
vergaderingen houden onder het bestier der Paters
Redemptoristen.
Te Quebec bestaat de H. Familie in de Sint-Patricius
kerk sedert 1875 en telt thans 1470 leden die in vier Ver-
gaderingen verdeeld zijn en veel goed doen in de gansche
stad.
II. — Zuid Amerika.
Noord- en Zuid Amerika verschillen van elkander ge-
lijk Engeland en Spanje. Engelsche taal en zeden, en het
protestantismus beheerschen Noord Amerika ; de spaan-
sche taal en de katholieke godsdienst zijn door gansch
Zuid Amerika verspreid, maar het zedebederf is groot,
gelijk het helaas meestal het geval is in de warme landen.
De Heilige Familie is door onze Paters ingeplant in
den Evenaar, Peru, Chili, Colombia, en de Holland-
sche Guyane waar Vergaderingen bestaan die meestal met
het Hoofdgenootschap van Luik verbonden zijn, en een
zeker getal kleinere afdeelingen onder hun bestier hebben.
De E. P. Grisar die in het najaar 1893 hier te lande
was, en 22 jaar in Zuid Amerika heeft gearbeid, heeft ons
de volgende bijzonderheden medegedeeld.
1. Cuenca. Deze stad van 40,000 zielen bezit de
bloeiendste Vergadering van gansch het land. Zij bestaat
in drij afdeelingen te weten, 1200 mannen, 4000 vrouwen
-ocr page 172-
i6o Tütoeeöe Deel. — zejtföe Eoofttftufe.
en 1500 indianen die zich beurtelings alle maanden ver-
eenigen en aan hunne maandelijksche communie zeer
getrouw blijven. Het Genootschap heeft een ongeloofelijk
goed gedaan in deze stad, die een waar Babylonië was
van wulpschheid en zedebederf.Op tien jaren tijd heeft de
geest van godsdienst zoo toegenomen en zijn de zeden
zoozeer verbeterd, dat de losbandige jongelingen hier
geene medeplichtigen meer vinden, en rechtuit zeggen:
In Cuenca is voor ons niets meer te doen.
De indiaansche dochters zouden braaf en zedig blijven,
werden zij door de inboorlingen niet verleid en bedorven,
doch zoodra zij deel maken van de Heilige Familie, we-
ten zij zich te doen eerbiedigen. Er zijn er geweest die
twee uren ver moesten naar huis gaan, en zich onderwege
met steenen tegen losbandige jongelingen verdedigden.
Gewoonlijk om gerust gelaten te worden, hoeven zij hun
slechts te zeggen : « Pas op ! weet dat ik aan Jkzus, Maria,
Jozef ben toegewijd. God zal u straffen ! »
Een schoon vaandel dat de Heilige Familie van Cuenca
bezit, wordt met fierheid in de processiën gedragen, ter-
wijl de andere deelgenooten met rijke bloemtuilen in de
hand in de beste orde voorpitgaan.
Over een vijftiental jaren kwam er eene indiaansche
jonge dochter te sterven : het was een engel van onschuld,
een voorbeeld van godsvrucht.Sedert vier jaren maakte zij
deel van de H. Familie. De Bestierder die haar ging be-
zoeken vroeg of zij schrik had van te sterven :
« Volstrekt niet, mijn goede Vader, ik verlang integen-
deel te sterven, want ik zou mijne onschuld kunnen ver-
liezen. »
Toen zij gestorven was legden hare medezusters te za-
men geld uit om haar in het wit te kleeden,bedekten haar
maagdelijk lichaam met leliën en rozen, en wilden zelve
het lijk naar het kerkhof dragen, hetgeen tot dan toe in
dat land gansch ongehoord was geweest.
2. Lima (Peru). Deze hoofdstad bezit eene Heilige
Familie van mannen en een Genootschap van O. L. V.
van Gedurigen Bijstand voor de vrouwen ; dit laatste is
bijzonder bloeiend en telt niet min dan 4000 leden die
getrouw zijn aan het Gedurig Gebed voor de beeltenis
-ocr page 173-
De Heftige Famftfe in HmerfftA.            161
der Moeder Gods. In groepen verdeeld, besteden zij beur-
telings een uur om gezamenlijk den ganschen Rozen-
krans te bidden. Na ieder rozenhoedje wordt er eene
geestelijke lezing gedaan, en een geestelijk gezang aange-
heven.
3.  Buga (Colombia) heeft eene bloeiende Vergadering
der H. Familie.
4.  Santiago (Chili). De Heilige Familie telt daar 800
ieverige leden, en daarenboven zijn er in de omstreken
verscheidene hulpvergaderingen gesticht. Het gedurig ge-
bed
is daar ook met vlijt en godsvrucht gevolgd.
5.  Deleg (Evenaar). Wij hebben hierboven over deze
voorbeeldige Vergadering gesproken.
De opdracht der nieuwe leden doet zich op eene aller-
plechtigste wijze. Op het einde van het jaarlijksch retret,
ondervraagt de Bestierder de aspiranten in dezer voege :
V. Zijt gij vast besloten u vooraltijd aan de H, Familie
toe te wijden ? — A. Ja, uit ganscher herte.
V. Verzaakt gij voor altijd aan Satan, aan zijne werken
en zijne pomperijen ? — A. Ik verzaak.
Weet wel dat, om de voordeden des Genootschaps te
genieten, gij eene groote devotie moet hebben tot Jezus,
Maria, Jozef, en hen dagelijks \'s morgens en \'s avonds
aanroepen : belooft gij dat ? — A. Ik beloof het.
V. Belooft gij aan de vereenigingen en de generale com-
munien getrouw deel te nemen ? — A. Ik beloof het.
V. Belooft gij als goede christen te leven, met de ge-
boden van God en van de H. Kerk te onderhouden ? —
A. Ik beloof het.
Daarna gaan al de aspiranten met eene brandende
keers in de hand voor het Hoogaltaar nederknielen, al-
waar zij door een hertroerend gebed vragen dat Jezus,
Maria, Jozef, zich geweerdigen hen in hun Genootschap
aan te nemen. Vervolgens worden zij door den Bestierder
aangenomen. Daarna gaan al de nieuwe leden voor den
troon van de H. Familie een geschrift nederleggen in een
korfje dat het Kind Jezus in zijne handjes houdt. Dit
geschrift luidt aldus : Ik N. wijd mij op dezen dag aan
Jezus, Maria, Jozef toe, en beloof hen te beminnen, te
dienen en na te volgen en tot de dood toe aan het Ge-
Aartsbroederschap der H. Familie.
-ocr page 174-
i62 jptoceoe Deel. — zejeföe Eoofbtftufc.
nootschap getrouw te blijven... Ieder voegt er volgens
zijne devotie de eene of de andere belofte bij.
Eindelijk wordt de akt van opdracht plechtig door al
de aanwezigen uitgesproken, en daarna het Te Deum van
dankzegging gezongen.
-ocr page 175-
ZEVENDE HOOFDSTUK. |
1 Leo XIII en het gouden jubel- &
\\
jaar der Heilige Familie. f.
Wij laten hier zeven belangrijke stukken volgen.
===== I. ============
Omzendbrief van den E. Pater algemeenen
Bestierder des Aartsbroederschaps.
Aan de Eerweerde Bestierders der Genootschappen
van het Aartsbroederschap der Heilige Familie.
P zondag 19 november 1893 heeft Zijne Hei-
ligheid Leo XIII zich geweerdigd de afge-
veerdigden des Aartsbroederschaps der Hei-
lige Familie in plechtig verhoor in de
Troonzaal te ontvangen. Deze moesten aan den Heiligen
Vader ter gelegenheid van zijn bisschoppelijk jubeljaar
eene prachtige schilderij aanbieden waarop men in eenen
enkelen oogslag al de verschillige landen kon zien waar
het Genootschap is ingesteld,en tevens de namen der 1298
Vergaderingen die met het Aartsbroederschap verbonden
zijn. Ter zelver tijd moesten zij aan Zijne Heiligheid de
ingezamelde giften in al de Genootschappen der gansche
wereld aanbieden, met eenen brief van Monseigneur den
Bisschop van Luik, die in deze plechtigheid vertegen-
woordigd was door Monseigneur Van den Branden de
Reeth, Bisschop van Erythrea.
Wij meenen u aangenaam te zijn met u het smeek-
schrift mede te deelen, doorons aan den Paus toegezonden
alsook den schoonen brief van Monseigneur den Bisschop
van Luik, en eindelijk eenige bijzonderheden nopens het
-ocr page 176-
i64 Ttoeeöe öeel. — zebenbe üoofbtftuft.
pauselijk verhoor. Deze zijn ons medegedeeld door een
der afgeveerdigden, te weten door den Z. E. P. Oomen,
algemeen raadslid der Congregatie des Allerh. Verlossers.
Wij zijn overtuigd dat deze stukken uwe belangstelling,
en die onzer beminde deelgenooten zullen opwekken,
u het geluk zullen doen beseffen van deel te maken van
het schoon Aartsbroederschap der Heilige Familie, zoo
dierbaar aan de H. Kerk alsook aan Zijne Heiligheid den
Paus, en bestemd om in onze beroerde tijden, het geloof
en de godsvrucht in de zielen van goeden wil, in de
christene huisgezinnen te herstellen, te bewaren en te
vermeerderen.
Aanveerd, Dierbare Medebroeder, de uitdrukking
mijner eerbiedige en toegenegene gevoelens in J. M. J.
(Get.) P. BLEROT, C. SS. R.
Algemeene Bestierder van het Aartsbroederschap der Heilige Familie.
Luik, 23 november 1893.
=_=^_= II. =====
Adres door de afgeveerdigden der Heilige
Familie den Paus aangeboden.
Zeer Heilige Vader,
Als Plaatsvervanger van Jezus Christus, vervult Uwe
Heiligheid hier op aarde het woord dat aan den H. Petrus
de oppermacht der H. Kerk verdiende : Heer, gij weet
dal ik u bemin.
Immers door de gedurige liefdeblijken
welke Uwe Heiligheid aan den Opperherder geeft, toont
gij genoeg dat Hij de sleutels des Hemels en het bestuur
zijner eenige kudde met betrouwen aan U mag toever-
trouwen.
Ja, Heilige Vader, het is uwe liefde tot Jezus Christus
welke U al de werkzaamheden, vermoeienissen en zelf-
opofferingen doet getroosten, die Uwe Heiligheid van het
-ocr page 177-
üeo jrtfj en f>et gouöen juöeljaar öer E. Familie. 165
eerste oogenblik harer verhevene bedieningen heeft aan
den dag gelegd. Diezelfde liefde heeft U aangezet om in
de zielen het godvruchtig leven immer meer en meer te
ontwikkelen.
Diezelfde liefde tot Jezus Christus heeft aan Uwe
Heiligheid, gelijk weleer aan den H. Paulus, geleerd dat
de godsvrucht voor alles dienstig is : zij bezit immers de
beloften van het tegenwoordige en van het toekomende leven.
En omdat Uwe Heiligheid, gelijk de groote Apostel, zoo
vurig verlangt dien eervollen en glorierijken schat der
godsvrucht aan allen zonder uitzondering te verschaffen,
daarom heeft zij aan de gansche christene wereld gezegd,
gelijk Paulus aan Timotheus : Legt u op de godvruchtig-
heid toe.
En inderdaad, Heilige Vader, is het niet tot bevor-
dering der godsvrucht, dat Uwe Heiligheid er zoo zeer
heeft op aangedrongen om de Derde-Orde van den H.
Franciscus,
de Genootschappen van den II. Rozenkrans en
zooveel andere heilzame instellingen overal te verspreiden?
Is het daarom niet dat uwe Heiligheid onlangs met
zooveel lof de godsvrucht tot de Heilige Familie van
Nasarelh
heeft aanbevolen, als zijnde een zeker middel
om de zamenleving te hervormen, met het waar christelijk
leven in de huisgezinnen terug te brengen?
O Heilige Vader, wat hebben die pogingen, U door
de goddelijke liefde ingegeven en door den H. Geest
bestierd, onze herten en zielen verblijd, getroost en op-
gebeurd ! Wat achten wij ons gelukkig,hier aan uwe voeten,
het Aartsbroederschap der Heilige Familie van Luik te
mogen vertegenwoordigen ?
En niet zonder reden, Heilige Vader. Reeds aange-
moedigd door de vermaningen en de zegeningen van
uwen glorierijken en heiligen Voorzaat, hebben wij ge-
tracht in de herten van honderd duizende christenen
van beider geslacht de liefde tot Jezus, Maria, Jozef in
te planten en er alzoo de christene deugden, die den
mensch voor tijd en eeuwigheid gelukkig maken, meeren
meer te ontwikkelen. Doch eene nieuwe aanmoediging
stond ons nog te wachten. Wij hebben uit uwen mond, als
eene Goddelijke uitspraak deze woorden vernomen : « De
-ocr page 178-
i66 JFtoecöe Deel. — Zetoenöe Eoofbjsftufc.
maatschappij kan niet gered worden dan door de navol-
ging der Heilige Familie van Nazareth. »
Dat het ons toegelaten zij aan Uwe Heiligheid hier
onze diepe dankbaarheid te betoonen, en haar tevens te
verzoeken ons door eenige raadgevingen te versterken en
aan te moedigen opdat wij aan de menigvuldige leden der
Heilige Familie de deugden en de voorbeelden van Jezus,
Maria, Jozef immer met meer kracht en iever mogen
voorstellen.
Toen over vijftig jaren dit zoo heilzaam Werk te Luik
tot stand kwam, had Belgenland de eer Uwe Heiligheid
als afgezant van den Paus-Koning, bij het hof van Brussel
te bezitten. De Heilige Familie was toen nog maar een
pas ontschoten plantje, waaraan de zegen des Heeren
wasdom en sterkte heeft bijgezet, zoodat het nu, na eene
halve eeuw, een machtige boom is geworden, wiens weel-
derige takken zich over de gansche aarde hebben uitge-
spreid (gelijk deze schildering het verbeeldt) en onder zijn
dertien honderd takken bij de vier honderd duizend
leden beschut, als een waar toevluchtsoord van heil en
zaligheid.
Wij twijfelen niet, Heilige Vader, dat dit Genootschap,
zoo wonderbaar door God gezegend, en zoo dierbaar aan
Jezus, Maria, Jozef, ook door Uwe Heiligheid met een
goedgunstig oog beschouwd wordt, des te meer dat het
grootendeels samengesteld is uit dat zoo verdienstig
werkvolk, waaraan Uwe Heiligheid zoo kostbare blijken
van toegenegenheid en liefde heeft gegeven.
Om U hunne verkleefdheid en dankbaarheid te be-
toonen, hebben de leden der Heilige Familie, ter gele-
genheid van dit schoone jubeljaar, met hunne heilwen-
schen, ook hunne nederige giften aan Uwe voeten willen
nederleggen.
Gelief deze gift goedgunstig te aanveerden, en aan het
Aartsbroederschap en aan al deszelfs deelgenooten uwen
vaderlijken zegen te schenken.
Vol eerbiedige dankbaarheid noemen wij ons met de
grootste hoogachting,
Van Uwe Heiligheid,
-ocr page 179-
Een jrtfj en b«t souden jubeljaar Der E. Bamttfe. 167
De zeer ootmoedige, zeer verkleefde, en zeer gehoor-
zame zonen,
P. BLEROT, Algemeen Bestier-
der.
De afgeveerdigden voor de afdee-
ling der mannen.
Z. E. P. OOMEN, Algemeen.
raadslid der Congregatie des
Mgr Van den BRANDEN DE
           Allerh. Verlossers.
REETH, Belgische Prelaat, en DeZeerEerw.PatersSURMOND,
titulare Bisschop van Erythrea.
           Dominicaan . — ALBERT,
— Vertegenwoordiger van Mgr           Car/neliel, — BERTHE, —
DO UTRELOUX, Bisschop van           MEYER, — PANICCIA, —
Luik.                                                        TIMMERMANS en WAL-
TER, Redemptoristen.
Mijnheeren SMITS en WIT,
Priesters.
Mevrouw SMITS en hare dochter,
voor de afdeeling der Vrouwen.
Luik, feestdag van Allerheiligen 1893.
III.
Brief van Zijne Hoogweerdigheid den Bis-
schop van Luik aan Zijne Heiligheid den
Paus Leo XIII.
Heilige Vader,
Gij hebt u geweerdigd een afzonderlijk gehoor te ver-
gunnen aan de afgeveerdigden die belast waren met aan
Uwe Heiligheid, ter gelegenheid van haar bisschoppelijk
jubeljaar.de heilwenschen en de giften van het Aartsbroe-
derschap der Heilige Familie, dat in mijne bisschoppe-
lijke stad is opgericht, aan te bieden.
Monseigneur de Bisschop van Erythrea heeft in deze
plechtige omstandigheid mij bij Uwe Heiligheid wel willen
vertegenwoordigen : dat het mij niettemin toegestaan zij,
als bisschop, eene schriftelijke getuigenis nopens de ver-
hevene verdiensten van dit Aartsbroederschap in uwe
heilige handen neder te leggen. Die verdiensten zijn te
menigvuldig om ze allen te kunnen opnoemen : het wei-
nige dat ik u ga zeggen zal genoegzaam doen zien waarom
ik voor dit groot en uitmuntend Werk eene gansch bijzon-
dere hoogachting en eene innige dankbaarheid koester.
-ocr page 180-
i68 Tütoeeöe öeel. — zebenöe Boofbjsftuft.
Verspreid, niet alleen in de Bisdommen van België,
maar in een groot getal landen van Europa, Amerika,
Azia en Australië, gelijk de lijst zijner honderde vertak-
kingen het U betuigt, onderscheidt zich dit Aartsbroeder-
schap door den vurigen en verlichten iever zijner stich-
ters en voortplanters, de geestelijke kinderen van den
glorierijken Heiligen Alphonsus de Liguorio, door zijne
pratiksche werking, die zoowel met de omstandigheden
van onze hedendaagsche maatschappij overeen komt,door
de vurigheid zijner leden, die met zooeenen wonderbaren
iever de godvruchtige en aantrekkelijke vergaderingen,
en wekelijksche plechtigheden bijwonen, door hunne
diepe en toegenegene verkleefdheid aan het Genootschap,
waardoor zij zich soms groote afstanden, vermoeienissen,
en alle slag van zelfopofferingen getroosten om de ver-
gaderingen getrouw bij te wonen. Ook doet dit Genoot*
schap een onberekenbaar goed ; iedereen moet bekennen
dat omtrent niemand er deel van maakt zonder in zijn
eigen gedrag en in zijne familie een waar christelijk leven,
in te brengen en meer en meer te doen uitschijnen.
Ik durf dan, Heilige Vader, uwe goedgunstighed af-
smeeken voor deze zoo heilzame Instelling, bijzonder ter
gelegenheid der vijftigste verjaring harer oprichting
welke zij toekomend jaar zal vieren; en opdat dit jubeljaar
des te voordeeliger zij aan de zielen, zal zij Uwe Heilig-
heid verzoeken haar eenige dier geestelijke weldaden te
verleenen door dewelke U in dergelijke omstandighe-
den die heilzame Instellingen geweerdigt aan te moedigen,
welke, gelijk dit Aartsbroederschap, krachtdadigst bij-
dragen om de werkende klas tot de kennis en de oefe-
ning van het Heilig Evangelie terug te brengen.
Ootmoedig voor uwe voeten neergeknield, verzoek ik
voor mijne diocesanen en voor mij, Heilige Vader, uwen
apostolischen zegen, en bied u eerbierdig de hulde der
gevoelens met dewelke ik ben
van Uwe Heiligheid.
De zeer ootmoedige en zeer onderdanige zoon,
^ VICTOR JOS., Bisschop van Luik.
Luik, i november 1893.
-ocr page 181-
Beo jclfj en ï»et flouöen jubeljaar oer. K. Bamüfe. 169
-----_---------= IV. --------------=----
Verslag over het verhoor door Zijne Hei-
ligheid aan de afgeveerdigden vergund.
Zeer eerweerde, en beminde Algemeene
Bestierder,
Het lang gewen\'schte verhoor heeft dezen morgen plaats
gehad. Rond acht uren traden wij de Kapel van het Vati-
kaan binnen : wij waren veertien in getal, en vertegen-
woordigden de verschillende landen waar de H. Familie
het meest leden telt. Voor die plechtige omstandigheid
droegen wij allen de medalie van Jezus, Maria, Jozef,
fier op de borst.
Vooreerst hadden wij het geluk de Mis van den H.
Vader bij te wonen. Onnoodig u te zeggen met welke
vurigheid en innige vreugde, wij onze gebeden met de
smeekingen van den Algemeenen Vader der geloovigen,
voor de zegepraal der H. Kerk, en den voorspoed van ons
dierbaar Genootschap vereenigden. Hebt gij niet bemerkt
hoe het Evangelie van dien dag wondergoed met de
omstandigheid overeenkwam ? Het mostaard zaadje, zoo
klein en gering, dat kiemt en opschiet en allengskens een
groote boom wordt, wiens takken de vogelen des hemels
beschutten, is dat geen treffend afbeeldsel van onze dier-
bare Vergadering ? Gering, verborgen en onbekend in
haren oorsprong, strekt zij zich thans over de gansche
wereld uit, en in die wonderschoone kroon van iever-
liefde- en bekeeringswerken die rond het hoofd onzer
Moeder de Heilige Kerk schittert, is zij voorzeker het
geringste kleinood niet. Neen, zij is een weelderige boom
geworden wiens takken de oude en nieuwe wereld bedek-
ken, en onder hun schaduwrijk gebladerte duizende brave
zielen beschutten.
En is het parabel van den deesem in drij maten
meel verborgen, ook niet op ons Genootschap toepasse-
lijk ? Hoe zullen wij onze zieke en noodlijdende maat-
schappij kunnen genezen, indien wij haar niet trachten
door den geest van eenvoudigheid, edelmoedigheid en
-ocr page 182-
170 üJtoeeöe beef. — Zebenöe KoofbsKufi.
kinderlijk betrouwen in de liefdevolle schikkingen der
goddelijke voorzienigheid, als in gisting te brengen, en er al
die schoone deugden, waarvan de H. Familie ons zoo tref-
fende voorbeelden heeft gegeven, den eerbied voor de
overheid, de bereidwillige gehoorzaamheid, de getrouw-
heid aan het gebed en aan den arbeid, de liefde voor het
familieleven, en voor die reine vreugden van den huise-
lijken heerd, meer en meer te doen toenemen ? En hoe
zal de ijdele en onbezonnen wereld die deugden zoeken
te beoefenen, indien wij haar het zoo verrukkend tafereel
van het stil en verborgen leven van Nazareth, zoo onbe-
duidend voor de menschen, maar zoo groot voor God,
niet gedurig voor oogen stellen ?
Doch komen wij op ons verhaal terug. Na de mis van
dankzegging, verzocht men ons in de Kapel van de
Troonzaal. Daar prijkte de schoone schilderij van al de
Genootschappen der H.\'Familie, alsmede eene andere
door onzen H. Vader den Paus zelf voor eene kerk van
Rome besteld. Wij waren die twee schilderijen aan het
bewonderen toen men ons de komst van den H. Vader
kwam aankondigen. Wij vallen op de knieën om hem
zijnen zegen te vragen ; daarna nadert de Paus tot bij de
schilderij van het Aartsbroederschap, beschouwt ze met
aandacht, en drukt zijne verwondering uit over de ver-
bazende verspreiding der H. Familie op zoo korten tijd,
aanhoort met groote belangstelling al de bijzonderheden,
welke Zijne Hoogw. Monseigneur Van den Branden,
plaatsvervanger van den Bisschop van Luik, hem nopens
het Genootschap mededeelt. Hij verneemt met genoegen
dat wij weldra het gouden jubelfeest gaan vieren van ons
dierbaar Genootschap dat te Luik over vijftig jaren, toen
Zijne Heiligheid te Brussel Nuntius was, zijnen oorsprong
nam. Vervolgens ontvangt hij uit de handen van Mon-
seigneur Van den Branden den brief door Monseigneur
den Bisschop van Luik voor deze omstandigheid op-
gesteld.
Daarna ging de Paus plaats nemen op zijnen troon, en
terwijl wij rond hem geschaard waren, deed hij ons eene
schoone aanspraak over de godsvrucht tot de H. Familie,
godsvrucht welke hij allervurigst aanbevool, en waarvan,
-ocr page 183-
Üeo jriij en fjet gouben jubeljaar der E. FamfHe. 171
zegt hij,hij de hervorming en de zaligmaking der christene
familiën verwacht.
Ik zal u hier die schoone lofrede niet neerschrijven,
ik hoop ze u eensdaags letterlijk te kunnen mededeelen.
Ik bepaal mij met u te zeggen dat Zijne Heiligheid, ten
slotte, ons ten vurigste aanmaande om ons op de godsvrucht
tot de H. Familie van herte toe te leggen, en ze in alle
christelijke huisgezinnen trachten in te voeren, met er de
beeltenis der Heilige Familie op te hangen en het gebed
door hem opgesteld, en met aflaten verrijkt, voor dezelve
te lezen.
Toen de H.Vader ophield met spreken, legden wij onze
kleine gift aan zijne voeten neder.en vroegen Hem zijnen
zegen voor den algemeenen Bestierder en voor de afzon-
derlijke Bestierders, hetgeen Hij ons goedgunstig toestond,
alsook voor al de leden der Heilige Familie die door de
gansche wereld verspreid zijn. Wij namen vervolgens
afscheid van Zijne Heiligheid, en genoten de overgroote
gunst van beurtelings voor Hem door te gaan en met Hem
eenige woorden te wisselen; eer wij tot de voetkussing
werden toegelaten wilde de Paus ons zijne hand te kussen
geven. Gij verstaat beter dan wij het kunnen uitdrukken,
onze aandoening, onze vreugde en ons geluk ! O, die dag
van den 19 november is voortaan met onuitwischbare
letters in onze herten geschreven! Dien schoonen dag,
zegden wij tot malkander, zullen wij nooit vergeten.
Leve Jezus, Maria, Jozef! Leve deH. Familie! Leve
Leo XIII.
——=-------- V,                --------=
Brief van Monseigneur Rinaldini aan den
Eerw. Pater Blérot, Algemeenen Bestierder
van het Aartsbroedersehap der Heilige
Familie te Luik (België).
Eerweerde Pater,
De gift door uw Aartsbroedersehap den Heiligen Va-
der in dit zijn bisschoppelijk jubeljaar opgedragen, is Zijne
Heiligheid bijzonder aangenaam geweest, uit hoofde der
bijzondere genegenheid welke hij soortgelijke werken toe-
-ocr page 184-
172 Ttoecöe Deel.— ZetoenDe EoofötfruS.
draagt, maar vooral aan de Heilige Familie van Luik
waarvan Hij sedert zijn Gezantschap te Brussel eene zoo
dierbare geheugenis heeft bewaard.
Ook heeft Zijne Heiligheid met eene ware voldoening
het eerbiedvol adres gelezen door U, Eerweerde,den i de-
zer maand onderteekend.
Dit adres, waarin de zoo troostelijke en zoo rasse aan-
groeiing en verspreiding van het Aartsbroederschap, niet
alleen in België maar ook in de naburige landen, ten
toon gesteld is, heeft zijn vaderlijk hert grootelijks ver-
heugd.
Daarom dankt Zijne Heiligheid den goeden God voor
den bijstand aan dit godvruchtig werk verleend, en smeekt
Hem,dat Hij immer overvloedigere zegeningen over het-
zelve geweerdige uit te storten. Te dien einde, en als on-
derpand zijner vaderlijke goedgunstigheid, verleent de
Heilige Vader aan U, Eerweerde, en aan al de leden der
Vergadering, zijnen Apostolischen Zegen.
Ik acht mij gelukkig door Zijne Heiligheid uitdrukke-
lijk belast te zijn U, Eerweerde, het bovengemelde mede
te deelen, en heb de eer mij, met eene bijzondere hoog-
achting te noemen
van U Eerweerde
de zeer toegenegen dienaar
A. Rinaldini,
Substituut.
Rome, 24 november 1893.
=_=—=VI.=-------------
Brief van Zijne Hoogweerdigheid Monseigneur
Doutreloux, Bisschop van Luik, aan den
E. P.
Blérot.
Eerweerde Pater,
Vernomen hebbende dat onze Heilige Vader de Paus
aan ons dierbaar Aartsbroederschap de groote gunst ver-
leende van, in een bijzonder verhoor, de afgeveerdigden
der Heilige Familie te ontvangen die belast waren met
aan Zijne Heiligheid die schoone schilderij, waarop al de
-ocr page 185-
Ttto jrtfj en ïjcr aouöen jufceljaac öer K. Famfffe. 173
Genootschappen van gansch de wereld zijn aangeteekend,
alsmede de giften van het Aartsbroederschap aan te
bieden,was ik verheugd deze schoone gelegenheid te
baat te nemen om aan den Heiligen Vader eene getui-
genis van welverdienden lof voor het Aartsbroederschap
te geven.
Leo XIII heeft eene nieuwe blijk zijner voldoening en
goedgunstigheid willen voegen bij al hetgeen hij reeds in
het verhoor van 19 november gedaan had. Hij komt mij
op den brief, dien ik de eer gehad heb Hem te doen ge-
worden, een allerschoonst antwoord te zenden. Ik haast
mij u dien brief en deszelfs vertaling mede te deelen, met
verzoek van er aan al uwe dierbare deelgenooten kennis
van te geven. Deze zullen daaruit vernemen dat de Op-
perherder mij belast hun te laten weten hoe troostelijk
het voor zijn vaderlijk hert geweest is de hulde hunner
" afgeveerdigden te ontvangen, en hoe hij hen tevens geluk
wenscht en aanmoedigt. Mij dunkt dat ik deze zoo zoete
zending niet beter kan vervullen dan met allen aan te
manen om de woorden van den Paus aandachtig te aan-
hooren, dikwijls te herdenken en ernstig te overwegen.
Zij komen uit den mond van den Plaatsvervanger van
Jezus-Christus hier op aarde, en hebben in hunne
kortbondigheid eene beteekenis en eene kracht die
men te vergeefs in de welsprekendste redevoeringen zou
zoeken.
Ik dank Jezus, Maria en Jozef over deze zoo kost-
bare en zoo eervolle gunst aan hunne getrouwe dienaars
en dienaressen van het Aartsbroederschap verleend. Ik
beveel mijnen persoon en mijne inzichten aan hunne ge-
beden, en zegen hen, gelijk ik u, Eerweerde Pater, ook
zegen, met een hert vol dankbaarheid en teedere toege-
negenheid.
►£. VICTOR-JOS.,
Bisschop van Luik.
Luik, 11 december 1893.
-ocr page 186-
i74 JFtoeeöe öeef. — zetoenöe Eoofujmift.
=——----- VII. ——=
Aan onzen eerbiedweerdigen Broeder Victor-
Josephus Doutreloux, Bisschop van Luik.
Eerbiedweerdige Broeder,
zaligheid en apostolischen zegen.
Toen wij kennis namen van uwen brief van den i no-
vember, herdachten wij de blijken van liefde en eerbied
welke ons, ter gelegenheid van ons bisschoppelijk jubel-
jaar, door het gezantschap van het Aartsbroederschap der
Heilige Familie, dat te Luik zijnen oorsprong en zijnen
zetel heeft, waren gegeven. Dit gezantschap werd Ons, op
uw verzoek, door onzen Eerbiedweerdigen Broeder den
Bisschop van Erythrea aangeboden.
De voldoening ons door deze eerbied- en liefdeblijken
gegeven, hebt gij nog vermeerderd door uwen brief waarin
gij ons, door een omstandig verhaal, de verdiensten van
dit merkweerdig Genootschap, den grooten roem die het
zich door de bewezene diensten aan de goede zaak ver-
worven heeft, en de uitmuntende werken die het tot uit-
breiding en verheffing van den godsdienst tot stand
brengt, hebt voor oogen gesteld. Het zal ons dus zeer
aangenaam zijn dat gij aan deze godvruchtige deelgenoo-
ten laat weten hoe zeer wij door het vernemen van dit
alles getroost zijn geweest, dat gij hun onze gelukwenschin-
gen mededeelt, voor het goed dat zij met de gratie Gods
en voor zijne glorie hebben te weeg gebracht, en eindelijk
dat gij ze in onzen naam en met onze woorden aanmoedigt,
om zich tot het einde toe, met eene immer grootere vu-
righeid op het beoefenen van een waar deugdzaam leven
toe te leggen.
Wij smeeken den Heer dat Hij het licht en de hulp
zijner genade over hen uitstorte, hunnen levensloop ge-
leide en hunne krachten versterke; en als onderpand dezer
goddelijke gunsten verleenen wij hun met groote teer-
hertigheid, alsook aan U, Eerbiedweerdige Broeder, aan
-ocr page 187-
üeo jcffj en f>et gnuöen juöetjaar Der. E. E-amflle. 175
uwe Geestelijkheid en aan al het volk aan uwe waakzaam-
heid toevertrouwd, den apostolischen zegen.
Gegeven te Rome, bij St-Pieter, den vijfen-twintigsten
november van het jaar achttien honderd drij-en-negentig,
het zestiende jaar onzes pausschaps.
Leo XIII, Paus.
-ocr page 188-
BIJVOEGSEL.
Het Vlaamsch Werk te Luik.
E stad Luik met hare voorsteden bevat meer
dan veertig duizend Vlamingen die er meestal
•gekomen zijn met de hoop op eene betere kost-
winning. Maar hoevelen zijn er niet die bij
gebrek aan taalkennis en goede betrekkingen welhaast
hunne godsdienstige plichten vergetende, heel onverschil-
lig en ongelukkig worden!
Het was dan een uitmuntend en hoogst verdienstelijk
werk,de geestelijke belangen dier uitwijkelingen ter herte
te nemen. Van tijd tot tijd had, wel is waar, de eene of
andere ieverige vlaamsche priester loffelijke pogingen
aangewend om het ellendig lot zijner taalgenooten eenig-
zins te verbeteren. De E. P. Julliot, S. J., hield eenigen
tijd lang vlaamsche onderrichtingen in de Sinte-Cathari-
nakerk. Er was zelfs spraak geweest van de oude S. Joris-
kei k in de Feronstreestraat aan te koopen, om ze uitsluite-
lijk aan de geestelijke belangen der Vlamingen toe te
wijden ; doch die prijsbare onderneming werd niet met
den gewenschten uitslag bekroond.
Toen in 1865, een algemeen jubilé aan de Kerk ver-
leend werd, kwam Monseigneur de Montpellier, Bisschop
van Luik, in zijnen zieleniever op het gedacht de
Vlamingen die Luik en de omstreken bewoonden ook
in hunne moedertaal tot de groote gunst van het jubeljaar
te doen voorbereiden. Hij deed vervolgens in de kerken
van Sint-Nikolaas (over de Maas), en van Sint-Chris-
toffel vlaamsche predik atiën houden.
Maar dewijl er tijdens de jubelfeesten in de klooster -
kerken in het fransch niet mocht gepreekt worden, dacht
de E. P. Masson, toenmalige Rector der Redemptoristen
te Luik, dat het hoogst voordeelig zou zijn in de Paters-
kerk eene vlaamsche zending te doen geven. Al de Paters
der kloostergemeente juichten dit voorstel met geest-
drift toe; zij waren immers diep getroffen door den ellen-
-ocr page 189-
BfpJoeg,{fef.                              177
digen toestand van zooveel duizende Vlamingen die bij
gebrek aan degelijke onderrichtingen, in onwetendheid,in
wangedrag, en vergetelheid hunner christelijke plichten
vervallen waren.
De aankondiging dezer vlaatnsche Missie werd in de
stad overal aangeplakt, en de Heeren Pastoors werden
verzocht om er kennis van te geven aan de Vlamingen
hunner parochiën. Een groot kruis werd in de Paterskerk
aan den ingang van het hoogkoor opgehangen, en de
Eerw. Paters Grommen en Theunis kwamen van Ant-
werpen om de zending te prediken. De Missie begon den
12 meert en duurde veertien dagen. lederen avond was
de kerk proppend vol. Zijne Hoogweerdigheid de Bis-
schop kwam, in de plechtige Eerboete aan het Alleiheilig-
ste Sacrament, de diep bewogene menigte zegenen, en was
zelf over dit zoo treffend en zoo stichtend schouwspel
verwonderd en aangedaan.
Deze Zending bracht een onberekenbaar goed teweeg :
honderde en honderde Vlamingen werden tot God en
tot hunne christene plichten terug gebracht; doch dit
goed moest gehandhaafd en bevestigd worden. Daarom
kondigde de E. P. Grommen in zijn laatste sermoon
aan zijne duizende toehoorders aan dat er iederen zondag
voortaan in de Paterskerk in het vlaamsch zou gepredikt
worden, hetgeen inderdaad met de toestemming van Zijne
Hoogweerdigheid den Bisschop, en van den Z. E. P.
Provinciaal, gebeurde.
Alzoo is dat schoon en verdienstelijk Werk begonnen dat
voortdurend onder de vlaamsche bevolking van Luik en
de omstreken de allerheilzaamste vruchten voortbrengt.
In het begin hadden de vergaderingen plaats des zon-
dag \'s avonds om half zeven. De E. P. Bouchez werd
eerst met het Werk belast, doch weldra vervangen door
den E. P. Goedts, wiens krachtige en eenvoudige voor-
dracht zeer in den smaak zijner toehoorders viel. Ook was
de kerk iederen zondag opgepropt van volk ; twaalf tot
dertien honderd Vlamingen, meestendeel mannen en
jongelingen, waren blij zich in Gods huis bijeen te
vinden,en in hunne moedertaal hunne plichten te hooren
voorhouden.
Aartsbroederschap der H. Familie.
-ocr page 190-
Bijtiorgjttl.
i78
Daar er ook iederen zondag avond in de Paterskerk in
\'t fransch gepredikt wordt, meende men dat het geraad-
zamer zou zijn de vlaamsche oefeningen vroeger te begin-
nen. Van den 30 september 1866 heeft de vlaamsche
vergadering plaats om 4 ure op alle zondagen en geboden
feestdagen van het jaar ; men begint met het bidden van
het rozenhoedje, daarna een gezang, aanbevelingen,gebe-
den, enz. Vervolgens het sermoon gevolgd door de Bene-
dictie van het Allerheiligste Sacrament en men sluit
met een tweede gezang.
In 1866 woedde de cholera hevig te Luik en in de
omstreken. Een hospitaal werd in de nabijheid van ons
klooster in alleihaast opgericht, en ontving 779 zieken,
waaronder een groot getal Vlamingen en Duitschers. Ook
waren bijzonder onze vlaamsche Paters nacht en dag
te been en hadden het geluk honderden hunner taalge-
nooten tot eene goede dood voor te bereiden. Hunne
zelfopoffering was zoo klaarblijkend dat de Gemeenteraad
ofschoon niet zeer patersgezind, in zijn verslag van den
14 december 1866 aan de ieverige dienstwilligheid der
Paters eene openbare hulde deed.
Op het einde van 1868 ontstond het ontwerp een
Genootschap te stichten om de vlaamsche deelgenooten
in hunne geestelijke en lichamelijke noodwendigheden
bij te staan. De E. P. Aartgeerts, die met hert en ziel aan
de Vlamingen verkleefd was, had in eene zondagsche
onderrichting den ellendigen toestand van vele Vlamingen
in het Walenland met zoo levendige kleuren afgeschilderd,
en zijne toehoorders zoo diep bewogen, dat allen de
noodzakelijkheid gevoelden van zonder uitstel een Werk
te stichten om hunne noodlijdende land- en taalgenooten
ter hulp te komen. Met de goedkeuring van Zijne
Hoogweerdigheid den Bisschop, vertegenwoordigd door
zijnen Groot Vicaris Mgr Bogaerts, zijn de volgende
instellingen lol stand gekomen.
I. Een Vlaamsch Gezelschap onderde bescherming van
den U. foanties Berchmans. — Goedgekeurd den 26 juni
1869. — Dit Werk heeft voor doelwit de banden van
onderlinge verbroedering tusschen de Vlamingen die reeds
te Luik gevestigd zijn nauwer samen te brengen, onder de
-ocr page 191-
Bijtioeatfel.                               T79
aankomende landgenooten nieuwe leden aan te werven
en hun in hunne geestelijke en tijdelijke noodwendigheden
zooveel mogelijk ter hulp te komen.
II.  Een Broederschap ter eere van de smertvolle Herten
van Jezus en van Maria,
tot lafenis der geloovige zielen.—
Dit broederschap heeft voor doelwit de zieken bij te
staan, hen tot het ontvangen der laatste H H. Sacramenten
voor te bereiden, en de zielen in het vagevuur ter hulp te
komen. De zetel van het broederschap is in de kerk der
Paters Redemptoristen te Luik. De E. P. Rector van het
klooster is er de Bestierder van; de Pater die het vlaamsch
Werk behertigt is Onder-Bestierder en belast met het
opnemen en inschrijven der leden.
III. Een Werk van ouderlingen Bijstand. Om de nood-
lijdendste Vlamingen te helpen en hen alzoo tot
het vervullen hunner christene plichten te brengen, hun
de goddelijke diensten te doen bijwjnen, hen tot de HH.
Sacramenten te doen naderen, en als goede christenen te
doen leven en sterven.Het Comiteit draagt zorghen door
de Sociëteit van den H. Vincentius a Paulo of door het
bureel van weldadigheid te doen ondersteunen, en ook
de onwettige huishoudens door het Genootschap van den
H. Franciscus Regis te regelen.
IV.Een vlaamsche katholieke Kring onder de bescherming
der Drie Koningen,
om de katholieke Vlamingen inniger
met elkander te verbinden, hun een eerlijk verzet te
verschaften en ieveraars voor den onderlingen bijstand
aan te werven. Hun leus is: God, Vaderland en Moe-
dertaal. 7 o, 80 leden komen geregeld in het lokaal
iederen zondag zich eerlijk vermaken.
V.  Een Batroonschap^nger\'icht om de vlaamsche jeugd
te bewaren tegen ongodsdienstigheid en zedebederf, en
het geloof, de godsvrucht, de goede zeden en gewoonten
van orde en spaarzaamheid in hen te ontwikkelen.
Worden in het patroonschap aangenomen, de kinderen
van 10 tot 14 jaar, en nog hooger indien de kommissie
het goedvindt.
VI. Een Zanggenootschap, om de kerkelijke diensten
op te luisteren en aantrekkelijk te maken, en voor de
wekelijksche vergaderingen nieuwe gezangen aan te leeren.
-ocr page 192-
i8o                             Bijüoeö.tfef.
VII.  Eene vlaamsche Boekerij om de slechte lezingen
tegen te werken, die zooveel mogelijk uit te roeien, en de
leeszucht door goede boeken te kunnen voldoen. De
Bibliotheek is open alle zondagen van 10 y2 tot n, en
van 5 tot 6 ure.
VIII.  Een Soldaten kring, om aan de jongelingen, die
te Luik in garnizoen zijn, gedurende hunne ledige uren
een nuttig, eerlijk en aangenaam tijdverdrijf te verschaffen.
Al deze Werken worden bestierd door eenen/fbofdraad,
bestaande uit eenen Eere-Voorzitter en eenen Werkelij-
ken Voorzitter, eenen Onder-Voorzitter, eenen Geheim-
schrijver, en zes Raadsleden. Deze Hoofdraad is gelast
met de algemeene en bijzondere belangen van het
Vlaamsen Werk — en moet ook zorgen dat ieder afzon-
derlijk Werk zijn eigenaardig doelwit behertige en zijn
reglement stiptelijk onderhoude.
Het vlaamsch Genootschap bezit ook een prachtig vaan-
del dat tijdens de retretten en generale communiën wordt
uitgesteld, en rond hetwelk de leden zich scharen in de
processie van de hoofdkerk. Het draagt voor opschrift,
aan de eene zijde, vlaamsch gezelschap — en de
wapens der Congregatie des Allerh. Verlossers met de
leus: copiosa aptjd eum redemptio; op de andere zijde:
GELUKZALIGE BERCHMANS PATROON VAN HET VLAAMSCH
GEZELSCHAP OPGERICHT TE LUIK IN DE KERK DER
REDEMPTORISTEN, 1865.
Van het begin af had men eraan gedacht de deelge-
nooten van het vlaamsch werk, na de kerkelijke diensten,
in een lokaal te vereenigen. Voorloopig had men in de
Buitenkasteelstraat, en daarna in de Paleisstraat een huis
gehuurd. Doch dat was maar half werk. — In 1881 deed
een Comiteit, samengesteld uit Mgr Ruiten, Vicaris-
Generaal als Eere-Voorzitter, M. Palmers-de Ponthière, als
Voorzitter, M.ful/us Frésart, bankier, M. P. Crombet,
advokaat, E. P. Alph. Van Peieghem, Bestierder, M.
Petithan, doktor, M. G. Andries, handelaar, M. A. Ruiten,
nijveraar, M. Taymans, handelaar, M. E. Nys, advokaat,
M. Boeken, handelaar, M. Smeets-Royen, handelaar, en
M. L. Scheepers, advokaat, met de goedkeuring van Zijne
Hoogweerdigheid Monseigneur Doutreloux, eenen alge-
-ocr page 193-
BfjboeBiÊfel.                             181
meenen oproep aan al de edelmoedige en vlaamschmin-
nende herten; en, dank aan de vrijwillige giften der
weldoeners van Luik, Antwerpen, Mechelen, Gent, Sint-
Niklaas, enz., dank ook aan de onvermoeibare zelfopoffe-
ring van den E. P. A. Van Peteghem, bijgestaan door den
E. P. Braeckman, die geene moeite spaarden om een
heerlijk tombola op te richten, dat door onzen H. Vader
den Paus met eenen schoonen prijs vereerd werd, zag men
weldra op den Buerenberg een prachtig gebouw in
vlaamschen stijl oprijzen dat wel zeventig duizend frank
gekost heeft. Wij brengen hier eene openbare hulde van
dankbaarheid aan al de Heeren voorstaanders en wei-
doeners van het Vlaamsch Werk. God heeft hunne namen
in het boek des Levens aangeteekend, en onder de
Vlaamsche bevolking van het Luikerland zal hunne ge-
dachtenis steeds in zegening blijven.
Sedert eenige jaren is het bestuur van het Vlaamsch
lokaal onarhankelijk geworden van de Vlaamsche Veree-
niging die voortdurend iederen zondag in de Paterskerk
vergadert.
De Eerw. Heer C. Lucas, S. T. D. en secretaris van het
Bisdom, bestiert de talrijke en heilzame Instellingen die
in het lokaal hunnen zetel en hunne werking hebben, en,
bijgestaan door ieverige seminaristen, en vrome leeken,
legt hij zich bijzonder toe op het geestelijk en zedelijk
onderwijs der kinderen en jongelingen van het Patroon-
schap.
Ieder jaar wordt er aan het vlaamsch Gezelschap der
beide geslachten een afzonderlijk retret gegeven, waaraan
gewoonlijk 500 tot 600 vrouwen en 450 tot 500 mannen
deelnemen, en alzoo hun godsdienstig leven onderhouden
en versterken.
In 1890 heeft de vlaamsche Vergadering haar Jubel-
feest van 25 jaar bestaan plechtig gevierd, en te dier
gelegenheid werden er aan 58 jubilarissen diplooms van
25 jaren getrouwheid uitgedeeld.
Ziehier de namen der Paters Redemptoristen die
sedert 25 jaren het vlaamsch Werk bestierd hebben :
EE. PP. Bouchez,—Goedts, — Aartgeerts,—Verlinden„
-ocr page 194-
Bijtmegtfel.
182
— Thielen, — Van Peteghem,— Braeckman, — Coulier
en A. Meunier.
Hunne Hoogweerdigheden de Bisschoppen Monsei-
gneur De Montpellier en Monseigneur Doutreloux hebben
niet opgehouden dit Werk door raad en daad te onder-
steunen en te begunstigen.
« Met het grootste genoegen in Onzen Heer Jezus-
Christus, zoo schreef Mgr de Montpellier, den 6 sept.
1868, zien wij de gedurig toenemende godsvrucht der
geloovigen welke deel nemen aan de oefeningen der
vlaamsche Vergadering in de kerk der Eerw. Paters
Redemptoristen onzer bisschoppelijke stad, en wij ver-
gunnen volgaarne 40 dagen aflaat iederen keer dat de
geloovigen dezelve godvruchtig zullen bijwonen. »
En Monseigneur Doutreloux zond den 4 sept. 1882
aan de geestelijkheid zijner bisschoppelijke stad en voor-
steden den volgenden brief:
« Dankaan de onvermoeibare bezorgdheid der EE.Paters
Redemptoristen heeft het vlaamsch Werk te Luik diepe
wortelen geschoten en brengt ieder jaar immer overvloe-
diger vruchten voort. Dit zoo heilzaam werk verdient alle
onze aanmoedigingen en al de belangstelling der geeste-
lijkheid. Ook bevelen wij hetzelve vurig aan de heeren
Pastoors der stad en der voorsteden, en wij moedigen hen
aan om uit al hunne krachten aan deszelfs uitbreiding
mede te werken, met het in hunne parochiën te doen
kennen en hunne vlaamsche parochianen van beide
geslacht aan te zetten om er deel van te maken. Zij zullen
ook iedere gelegenheid te baat nemen om de vlaamsche
Congregatie, die iederen zondag van 4 tot 5 ure in de
Paterskerk vergadert, te doen kennen, alsook het patroon-
schap
voor de vlaamsche kinderen van 10 tot 14 jaren.
Met aan den bloei van deze instellingen bij te dragen
zullen de herders der parochiën hunnen zielenlast ver-
minderen jegens hunne parochianen die, geen fransch
verstaande, beroofd zijn van het christelijk onderwijs in de
parochiale kerken, en alzoo meer blootgesteld zijn aan de
gevaren die hun geloof en hunne zeden, hier ter stede
zoo menigvuldig bedreigen,
►£1 Victor.-Jos. Bisschop van Luik. »
-ocr page 195-
Bijboeötfel.                             183
Sedert jaren heeft Zijne Hoogweerdigheid de Bisschop
omtrent in alle parochiën van Luik en omstreken
vlaamsche pastoors of onderpastoors (kapelaans) geplaatst
die de geestelijke belangen hunner vlaamsche parochianen
ieverig ter herte nemen.
Moge de vlaamsche bevolking van het walenland aan
de zorgen harer geestelijke overheid bereidwillig beant-
woorden! Moge het vlaamsch Werk met al zijne heilzame
vertakkingen immer overvloediger vruchten van zegen
en zaligheid voortbrengen, tot meerder eere en glorie van
God en tot welzijn der Kerk, des Vaderlands en der
christelijke huisgezinnen !
-ocr page 196-
-ocr page 197-
TAFEL.
Goedkeuringen............................... IV
Opdracht aan Mgr Doutreloux ..................... VI
Voorwoord..................................vu
EERSTE DEEL.
Hoe het Genootschap der H. Familie tot stand is
gekomen.
Bladz.
Hoofdstuk I. Opkomst der Heilige Familie .........      I
» II. De stichter des Genootschaps .........      7
» III. Oprechting en inrichting der H. Familie...     15
» IV. Bijval en beproeving. 1846............     19
»             V. Het Genootschap wordt lot Aartsbroeder-
schap verheven. 1847..............    22
» VI. De afdeeling der vrouwen.............    25
» VII. Statuten en vergaderingen der H. Familie    28
» VIII. De Beambten der Heilige Familie ......    37
)>           IX. Toegenegenheid der Bisschoppen voor de
Heilige Familie..................    42
»            X. Eereteekens en Voorrechten der leden van
de Heilige Familie ...............    49
» XI. De vertakkingen der Heilige Familie......    56
» XII. Het zilveren jubelfeest der Heilige Familie
(1844-69).....................    79
TWEEDE DEEL.
Invloed der Heilige Familie door de gansche wereld.
Hoofdstuk I. Het Genootschap der Heilige Familie be-
vordert de verheerlijking der H.Kerk ... 87
I. De leden der Heilige Familie dragen onzen
H. Vader den Paus eene ware liefde toe. —
II.   De leden der Heilige Familie verheffen
de godsdienst-plechtigheden. — III. De
Heilige Familie onderhoudt en verwekt de
vurigheid in de parochiën.
Hoofdstuk II. De Heilige Familie bevordert het welzijn
van het Vaderland ............... 116
I.  De Heilige Familie is een krachtige dijk
tegen den stroom der valsche leerstelsels. —
II.  De Heilige Familie is eene heilige Ver-
gaderplaats waar allen, die het goede beher-
tigen, elkander aanmoedigen. — III. De
Heilige Familie is eene kweekschool van
uitmuntende burgers.
-ocr page 198-
Tafel.
i86
Hoofdst. III. De Heilige Familie bezorgt de zaligheid der
zielen ........................ 131
I. De Heilige Familie is voor hare deelge-
nooten eene reddingsark. — II. De Heilige
Familie offert aan hare getrouwe leden
overvloedige middelen van zaligheid. —
III. De Heilige Familie is een onderpand
van zaligheid voor allen die in haren schoot
sterven.
Hoofdst. IV. De Heilige Familie bezorgt aan hare leden
eene vermeerdering der hemelsche belooning 141
I. De Heilige Familie verschaft aan hare
Bestierders eene vermeerdering der hemel-
sche belooning. — II. De Heilige Familie
verschaft aan hare Beambten eene schoonere
kroon in den Hemel. —• III. De getrouwe
leden der Heilige Familie mogen zich ook
aan eencn overgrooten loon in den Hemel
verwachten.
Hoofdstuk V. De Heilige Familie hervormt gansche steden 149
I. Luxemburg. — II. Frosinone (Pauselijke
Staten).
Hoofdst. VI. De Heilige Familie in Amerika ......... 156
I. Vereenigde Staten. — II. Zuid Amerika.
Hoofdst. VII. Leo XIII en het gouden jubeljaar der H.
Familie ..................... 163
I.  Omzendbrief van den E. Pater algemee-
nen Bestierder des Aartsbroederschaps. —
II.  Adres door de afgeveerdigden der II.
Familie den Paus aangeboden. —III. Brief
van Zijne Hoogweerdigheid den Bisschop
van Luik aan Zijne I leiligheid den Paus Leo
XIIT. — IV. Verslag over het verhoor door
Zijne Heiligheid aan de afgeveerdigden ver-
gund. —V. lirief van Monseigneur Rinaldini
aan den Eerw. Pater Blérot, Algemeenen
Bestierder van het Aartsbroederschap der
Heilige Familie te Luik (België). — VI.
Brief van Zijne Hoogweerdigheid Monsei-
gneur Doutreloux, Bisschop van Luik, aan
den E. P. Blérot. — VII. Brief van O. H.
Vader den Paus Leo XIII aan Monseigneur
Doutreloux, Bisschop van Luik.
Bijvoegsel. Het vlaamsch Werk te Luik.......... 176
*------------5}:-
-ocr page 199-
Drukkerij Sint Augustinus. — Brugge.
-ocr page 200-
I
.
&
-
• •
-
1 .
»
•
: