-ocr page 1-
5J3P
wn /
Vak 13
MEG
13-17
, — AMSTERDAM
nsenstraat, .6
-ocr page 2-
■••-■
L
.
-ocr page 3-
VaV 13
•f
WONDERDADIG LEVEN
VAN DEN
H. ANTONIUS
VAN PADUA
üit het Fransch vertaald door A. V. r. k. Pr.
7
G. BORG
AMSTERDAM. — Prinsen straat, 6
\'«95
-ocr page 4-
Imprimatur
H. J. HORGIIOLS
Libr. Cens.
Y mui il en
Die 58 M.iji i8<)=.
C. Paillart. Drukker-Uitgever, Abbeville (Somme).
-ocr page 5-
WONDERDADIG LEVEN
II. ANTOMUS VAN PADÜA
83
■£^f                                      Padua, en waarbij zich
^__%v de vereeniging van Brive heeft aange-
^5"\'         sloten, zijnen zegen schonk, zeide Hij :
^jjr\\          « de H. Antonius, is niet alleen de Hei-
J          lige van Padua, doch evenzeer de Heilige
^^           van geheel de wereld. » Dergelijke woor-
»                den zijn zeer bemoedigend, en sporen
ons aan het verhaal van zijn leven te schrijven ;
\'t is waar, een groot aantal geloovigen roepen
hem voornamelijk aan, om verlorene zaken terug
te vinden. « hierin toch, » zeggen zij naïef, « munt
Door het maken van hot 11. kruistceken op den grund, verjiiagt
IVr.liu,ind den duivel.
-ocr page 6-
4                                        WONDERDADIG LEVEN
hij bizonder uit. » Zonder hem nu dit onvergelijke-
lijk voorrecht te willen ontzeggen, willen wij even-
wel hun door onwederlegbare feiten aantoonen, dat
de H. Antonius gedurende zijn leven werd genoemd
(Altetonans, bulderend geluid) : ter wille van zijne
wetenschap, de ark van het N. Testament; voor
zijne overwinning op de ketterij behaald, de hamer
der ketters;
voor de ontelbare teekenen, waardoor
hij zijnezendingbevestigde, de wonderdadige \\aaier;
eindelijk noemde men hem nog den wonderdoener,
omdat hij als meester allen schepselen, het leven ja
den dood zelven gebood !
Deze wonderbare heilige werd den 15\'*" Augustus
1195 te Lissabon geboren. Hij was door zijn vader
gesproten uit het doorluchtig huis van Bouillon, uit
Frankrijk naar Spanje gekomen om de Sarracenen
te bestrijden ; en van moeders kant uit het koninklijk
huis van Tavera, hetwelk eertijds over Asturië
regeerde.
Terwijl dona Tefesa haar zoon Kerdinand op hare
knieën wiegde, vond zij er een groot genoegen in
hem de zoete namen van Jesus en Maria voor te
zeggen ; en zoodra hij kon spreken, liet zij hem de
zoetvloeiende versen van het gezang O gloriosa
Dominal
herhalen, welke in het laatste zijner da-
gen, in een zegenzang vóór zijne intrede ten hemel,
moesten veranderen.
Op den leeftijd van tien jaar werd hij door zijne
edele en godvruchtige ouders aan de zorgen der
kannunniken der kathedraal toevertrouwd. Toen hij
nu eens daar met eene engelachtige vurigheid bad,
verscheen hem de duivel onder eene vervaarlijke
gedaante, die hem schrik trachtte aan te jagen, en
hem van zijne godvruchtige gewoonten af te houden.
Zonder te verschrikken, boog zich de knaap en
maakte met zijn vinger een kruisteeken op den
vloer, waarop hij geknield lag : de booze geest
verdween oogenblikkelijk, maar het kruis, hetwelk
op het plaveisel gedrukt bleef, werd het voorwerp
van eene gestadige vereering.
De jongeling bereidde aldus deze wonderen voor,
waarvan hij een groot aantal in den naam van het
-ocr page 7-
VAN DEN H. ANTONIUS VAN PADUA                            5
goddelijk teeken
van onze verlos-
sing zou verrich-
ten.
Vijfjaar later,
trad de jeugdige
Ferdinand van
Bouillon, terwijl
hij al de voordee-
len, die zijn staat
en fortuin hem
aanboden, ver-
achtte,in de Orde
bij de reguliere
kannunniken van
Augustinus, eerst in hun kloos-
ter te Lissabon, daarna in dat van het
H. Kruis te Coïmbra waar hij de voor-
deelen van eene groote afzondering kon
genieten. Geleid door meesters, die
zoowel in de wetenschappen als in de wegen
der religieuse volmaaktheid uitmuntten, werd
hij een voorbeeld van kennis en heiligheid en
ontving achtereenvolgens met een verdubbeling
jP van ijver de heilige wijdingen. Na negen jaar
f in deze vreedzame afzondering te hebben door-
gebracht, en terwijl hij de inspraken van een
hooger offer gewaar werd, verliet hij deze, om
onder de Franciscanen van het stadje Olivares
opgenomen te worden, in de hoop te Moroko met
zijn bloed het onderricht in het Christelijk geloof
te bezegelen, even als de moedige martelaars, wier
De eerste preek vun ilen II Aatoaius te Kurli.
-ocr page 8-
Ö                                        WONDERDADIG LEVEN
roemrijke relieken te Coïmbra waren aangebracht.
Met het kleed der kinderen van den H. Franciscus,
nam hij te gelijk den naam aan van Antonius, naar
wien het klooster werd genoemd.
Nadat hij, volgens zijn vurig verlangen, verlof
had bekomen naar Afrika te gaan, vertrok de ijve-
rige kloosterling weldra in gezelschap van eenen
medebroeder, en scheepte zich in. Maar God scheen
\'t anders te willen, want tegenwinden maakten, dat
zij op de- kusten van Sicilië moesten landen. Ter-
wijl Antonius door een hevige koorts was aangetast,
werd hem door zijne oversten, die door zijn medgezel
waren gewaarschuwd, bevolen in Italië te blijven.
Tegen het Pinksterfeest begaven beiden zich naar
Assisië, om het algemeen kapittel van de Orde bij
te wonen (1221). Alvorens van een te gaan werden in
deze groote vergadering de verschillende bedienin-
gen aangewezen. Daar Antonius bij zijne broeders
onbekend was, was hem niets opgedragen, waarop
de Provinciaal van Bologna hem vroeg, of hij pries-
ter was. Op zijn bevestigend antwoord, werd de
nederige religieux naarhet kloostervanMonte-Paolo
bij Forli gezonden, om daar de H. Mis voorde Eervv.
Broeders te lezen ; bovendien verrichtte hij bij voor-
keurde geringste bedieningen van het huis, en rustte
slechts van zijn arbeid, door zich geruimen tijd met
zijnen goddelijken Meester te onderhouden.
Tien maanden gingen aldus voorbij ; doch weldra
zou de tijd aanbreken, waarop de nederige kok van
Monte-Paolo,
tegen aller verwachting, in een uit-
stekenden redenaar zou veranderen. Ziehier bij welke
gelegenheid de Voorzienigheid dit schitterend licht
op den kandelaar stelde.
In het jaar 1222 begaven zich verscheidene wijde-
lingen van Monte-Paolo en eenigedominikanen naar
Forli om door den bisschop van deze stad gewijd
te worden. Pater Gratianus, die te vergeefs verschil-
lende priesters had verzocht bij die gelegenheid te
prediken, voelde zich eensklaps aangezet, Antonius
te belasten, tot de wijdelingen eenige stichtende
woorden te spreken, daar niemand daar voor te
vinden was. Daar de nederige Antonius zich deze
-ocr page 9-
VAN DEN H. ASTONIUS VAN PADUA                            "]
eer onwaardig achtte, boog hij het hoofd en zweeg;
maar wijkende voor de gehoorzaamheid, nadert hij
tot den troon vanden bisschop, vraagt zijn zegen en
begint al bevende te spreken. In het begin drukte hij
zich met groote eenvoudigheid uit, daar zijne nede-
righeid de schitterende vonken van zijn vernuft on-
derdrukte, maar langzamerhand vurigt r wordende,
werden deze zoo eenvoudige uitdrukkingen levendi-
ger,grootsch,en stroomen van bovennatuurlijke wel-
sprekendheid kwamen plotseling van zijne lippen,
die tot nu toe voor onwetend waren gehouden. Toen
men hem met de Kerkvaders als \'t ware hoorde
spelen, onder het aanhalen van de
schoonste teksten der H. Schrift,
konden de toehoorders zich niet
weerhouden, hem luide toe te
juichen Alsnu begrepen de Pa-
ters het wonder, wat zijne groote
zedigheid zoo lang verborgen had
gehouden.
Aanstonds door den Provinciaal
van Bologna van deze
wonderbare verandering
onderricht, gaf de sera-
Wonderdadige preek van den H. An\'onius voor de visschen.
-ocr page 10-
8                                        WONDERDADIG LEVEN
phijnsche Vader dezen welbeminden zoon onmid-
delijk last, in geheel Italië het Evangelie te ver-
kondigen, hetgeen hij met des te beter uitslag deed,
daar wonderen van allerlei aard zijne woorden be-
vestigden. Op zijn woord, stonden de dooden op
en de onweders, die in het land woedden, spaarden
zijn gehoor; desniettemin wilde men te Rimini,
waar de ketters de overhand hadden niet alleen,
niet naar den apostel luisteren, maar men hoorde
zelfs spreken van een aanslag tegen zijn leven. Door
eene goddelijke openbaring van dit helsche plan
onderricht, begeeft hij zich, na eerst den Hemel ten
gunste van zijne vijanden te hebben aangeroepen,
door eene plotselinge ingeving naar de zee, terwijl
hij zeide, dat zij, die hem zouden volgen, wonderbare
zaken zouden zien. Weldra werd hij gevolgd door
eene groote menigte, die in groote spanning wachtte
op hetgeen zou geschieden.
Antonius komt aan den oever, ingetogen en als
geheel buiten zich zelven ; daarna zijn blik over het
onmetelijk vlak der zee werpende, roept hij met
krachtige en gebiedende stem : « Visschen der
zeem en stroomen luistert : u zal ik het Woord
Gods verkondigen, wijl de menschen niet naar mij
willen luisteren. » Op deze woorden verschijnt eene
groote menigte visschen van alle soort en grootte
aan den oever; zij plaatsen zich allen, alsof zij ver-
stand hadden, in de volmaakste orde, houden de
kop boven water en richten zich naar den spreker.
De heilige spoorde hen nu aan, hunnen Schepper
dank te zeggen, voor het onmetelijk element, het
welk Hij hun tot verblijf had gegeven, en herinnert
hun in \'t bizonder, wat de groote God voor hen had
gedaan. Na hen vervolgens gezegend te hebben,
liet hij ze weer naar de zee wederkeeren,wat oogen-
blikkelijk geschiedde.
De halstarrigheid der boozen kon aan zulk schit-
terend wonder, hetgeen in tegenwoordigheid van
zoo velen was geschied, geen weerstand bieden ;
zij wierpen zich aan de voeten van den wónder-
doener en verzochten het doopsel en onderricht in
de geheimen van het geloof.
-ocr page 11-
VAN DEN H. ANTONIUS VAN PADUA
J               Antonius door geheel Italië zijne
apostolische zending voort. Maar
in 1224 begaf hij zich op bevel van den H. Fran-
ciscus over de Alpen naar Frankrijk, om er meer-
dere huizen van zijne Orde te stichten en door zijn
woord en onderrichtingen van het ware geloof, de
goddelooze ketterij der Albigensen, welke zoovele
verwoestingen in het zuiden van dezen schoonen
streek aanrichtten, te bestrijden. Het eerst hield de
heilige zich te Montpellier op. Toen hij op Paasch-
dag van het jaar 1225 in de kathedraal predikte,
herinnerde hij zich, dat hij was aangewezen op dat
oogenblik zelve in de kerk van zijn klooster het
Alleluia te zingen. Diep bedroefd over dit onwille-
keurig verzuim, hield hij eensklaps op met spreken,
bedekte zich met zijn kap en diep buigende, bleef
hij eenigen tijd onbewegelijk en stil, tot groote
De ezel kDiell voor \'t Allerheiligste Sacrament.
J
-ocr page 12-
                                      WONDERDADIG LEVliN
verwondering van den bisschop, de geestelijkheid
en de geheele vergadering ; men meende, dat hij
ongesteld of in verrukking was ; dit was echter niet
het geval, doch op eene wonderbare wijze was An-
tonius, terwijl hij op den preekstoel stond, tege-
lijker tijd in zijn klooster geweest en had daar in
het koor het AlleJuia gezongen. Nadat het koor-
gezang was geëindigd, keerde hij tot zich zelven
terug, deed zijn kap af en hernam zonder de minste
ontroering zijne onderbrokene toespraak.
Achtereenvolgens bezocht de heilige Toulouse,
Arlcs, Ie Puy in Velais en Limoges, welke plaatsen
hem waren aangewezen. Uitgenoodigd te Bourges
te komen, stemde hij er in toe tegen de Albigense
ketters, eenen eucharistischen redetwist te houden.
De verwoedste onder hen, die zich in \'t eerst ver-
slagen en overwonnen gevoelde, staat op en doet
onzen heilige het volgende vreemde voorstel : « Ik
heb, » zoo spreekt hij, « een muilezel, gedurende
drie dagen zal ik hem zonder voedsel laten, daarna
zult gij met Ons Heer in een remonstans komen en
ik zal den ezel liet voeder voorhouden, waarvan hij
verstoken is geweest. Weigert hij hetzelve en werpt
hij zich eerst voor de H. hostie neder, dan word ik
katoliek. » — O wonder! het dier dat zijnen Schepper
beter scheen te kennen dan zijn meester, taalt niet
naar het voeder, wat hem voorgehouden wordt,
doch werpt zich voor het Allerheiligste Sacrament
neder, door Antonius ter aanbidding opgeheven. De
ketter hield woord, hij bekeerde zich met geheel
zijn huisgezin, en bouwde te Bourges zelve uit dank-
baarheid voor deze groote weldaad eene schoone
kerk, die naar den naam van den bekeerden ketter
H. Petrus-les-GuiUard werd genoemd. Een ge-
denksteen wijst op den oorsprong van de stichting
dezer kerk.
De onvermoeide apostel ontving van den Hemel,
tot belooning van zijn ijver, onuitsprekelijke gun-
sten : aldus bemerkte eens de heer van Chateauneuf,
bij wien hij eene nacht doorbracht, toen hij zich te
ruste had begeven, dat een sterke glans de kamer
van zijn H. gast verlichtte; door eene heilige
-ocr page 13-
VAN DEN H. «HTOHII\'S VAN PADUA                         II
S          tracht hij door de spleten van         V^-i
de deur te zien vat daar binnen         \'yT*
geschiedt. Groot was zijne ver-         \'$?/
wondering\', toen hij in de armen van den            •■■ "
heilige een kind van wonderbare schoon-
heid bemerkte, hetgeen hem met liefkozingen over-
laadde.Het gelaat van Antonius was geheelveran-
derden straaldevan geluk. De bevoorrechte gastheer
begreep aanstonds de waarde van het wonderbaar
schouwspel, waarvan hij getuige was geweest. Op
verlangen van den H. Antonius bewaarde hij het
geheim, doch na diens dood, maakte hij het bekend
en verklaarde, dat het kind; wat den heilige met
kussen had overladen, niemand anders was geweest,
dan het Kindje Jesus.
Een der schoonste wonderen van dezen grooten
heilige was voorzeker, de opwekking ten leven van
een kind dat, ten gevolge van kokend water, waarin
het was g-evallen, den dood nabij was ; zijne on-
troostbare moeder bracht het naar eene kamer,
vlak naast het verblijf waar Antonius op hare uit-
noodiging eene schamele maaltijd zou gebruiken.
De II. Antonius met het goddelijk Kindje Jesus in zijne armen.
-ocr page 14-
IS                                      WONDERDADIG LEVtN
Tegen het einde van het maal, zegde hij tot de
weduwe : « Hebt gij nog een appel voor mij ? »
Ach ! antwoordde deze, ik heb er geen enkele in
huis. « Ga maar eens in de kamer waar uw kind
ligt, dan zult gij er zeker vinden. » Al bevende ge-
hoorzaamde de arme vrouw, en o, wonder, o, geluk !
Zij vindt haar kind geheel genezen, terwijl het rustig
op een mand met appelen zit, en in elk zijner handjes
een appel houdt, om ze den heilige aan te bieden.
Tegen den zelfden tijd ongeveer stichtte de heilige
het klooster van Brive. Deze stad ligt zeer schoon
op den linkeroever van de Lozere in een liefelijk dal :
gedurende zijn verblijf in deze stad, had het feit
plaats, wat beschouwd kan worden als het uitgangs-
punt van dit zoo algemeen verspreid vertrouwen op
den H. Antonius als patroon van verlorene zaken. De
heilige n.1. had al zijne onderrichtingen, voor zijne
broeders gehouden, in één schrift te samen gebracht,
en terwijl hij het wilde gebruiken, kon hij het ner-
gens vinden, wat hem zeer speet, waarom hij zijne
toevlucht nam tot hetgebed. Een jeugdig novice nu
had bij het verlaten van het klooster het kostbaar
handschrift medegenomen. Aan den rand van een
beekje gekomen, wat de ongelukkige wilde overste-
ken, bemerkte hij tot zijn schrik een afschuwelijk
monster, dat hem vasthield en beval, den heilige het
boek terug te brengen, wat hij hem had ontroofd ;
de novice liet het zich geen tweemaal zeggen, hij
keert naar het klooster terug, en, terwijl hij zich
aan de voeten van Antonius wierp, vraagt en ver-
krijgt hij ook vergiffenis.
Daar Antonius evenwel een groot verlangen had
naar de eenzaamheid en versterving, liet hij eene
kleine cel voor zich bouwen in eene grot op eenigen
afstand van het klooster, en eenen kuil graven om
de waterdruppels op te vangen, die van de rotsen
afdruppelden ; deze aldus gewijde bron heeft nog
voor zieken die er met geloof van drinken eene
genezende kracht. In deze hem zoo dierbare een-
zaamheid was onze heilige weldra het voorwerp van
eene geheel bizondere gunst der Allerheiligste
Maagd. Op zekeren keer, toen hij met buitengewone
-ocr page 15-
VAN DHN H. AHTOXIDS VAN PADUA                         IJ
vurigheid Maria aanriep, werd hij door Satan, die
hem onder menschelijke gedaante verscheen, aan-
gegrepen, op dengrond geworpen en bijna geworgd.
Ondanks den hevigen aanval, had de heilige nog
kracht genoeg het teeken des kruizes te maken en
Maria aan te roepen met de eerste woorden van zijn
geliefkoosd gebed: O glo-
riosa Domina.
Oogenblik-
kelijk verscheen de H.
Maagd in een
schitterend
licht, en beval
den duivel
heen te gaan.
Satan vluchtte
vol woede en
schaamte, ter-
wijl onze hei-
lige vervuld
was met dank-
baarheid en
liefde voor de
H. Maagd, die
vervolgens on-
der den mach-
tigen titel van
On\\e Lieve Vrouw van Bijstand werd
vereerd en aangeroepen.
Zij, die jaarlijks op Bartholomeus-
Zondagde markt van Brive bezoeken,
zullen daar een druk bezoekte uien-
markt vinden, welke de gedachtenis wijdt en
herinnert van een waar volkswonder, door den
H. Antonius gewrocht, terwijl zijn klooster in deze
stad werd gebouwd.
Het geld was schaarsch en er heerschte gebrek
aan levens middelen. De goede Pater, getroffen door
de armoede zijner broeders, zond iemand naar eene
liefdadige vrouw, die dicht bij het klooster woonde,
met verzoek hem wat groente te zenden ; aanstonds
Het ten leven opgewekte kind biedt Antonius de verlangde appelen aan.
-ocr page 16-
14
WONDERDADIG LI VEN
werd de meid naar den moestuin gestuurd om wat
af te plukken, maar terwijl een zeer hevige stort-
regen viel, aarzelde het meisje naar buiten te gaan;
zij gehoorzaamde evenwel, verzamelde een groote
partij uien, bracht ze naar het klooster en kwam bij
hare meesteres terug, zonder in het minst door den
regen gedeerd te zijn. Het gerucht van dit wonder
verspreidde zich allerwege en stemde alle inwoners
der stad gunstig voor de Eerw. Minderbroeders.
Terwijl Antonius nog te Limousin was, had een
herhaling plaats van het wonder, wat te Montpellier
was geschied en hierin bestond, dat hij zich op twee
plaatsen te gelijk had bevonden. Hij predikte eens
in de kerk van den H. Petrus, toen hij zich eensklaps
gedurende het sermoon herinnerde, dat hij er niet
aan had gedacht, iemand in zijn plaats te stellen,
om in het koor van zijn klooster de negende les van
het H. officie te zingen ; hij onderbreekt nu zijne
preek en buigt gedurende eenige oogenblikken het
hoofd en hervat daarna zijne rede, waar hij deze had
onderbroken. De heilige had inmiddels zijnen dienst
in de kerk van het klooster waargenomen.
Alvorens den H. Antonius afscheid te laten nemen
van Frankrijk, zullen wij nog eerst eenige wonder-
dadige feiten aanhalen, welke deze onvergelijkelijke
wonderdoener in dat land heeft verricht.
De geschiedschrijvers van dien tijd zeggen ons,
dat zich bij het klooster van Montpellier een vijver
bevond, waarin zich zulk een groot aantal kikvor-
schen ophielden, dat hun onophoudelijk gekwaak
dereligieusen in hunne gebeden en studies stoorde.
De heilige ging naar den vijver en beval den kik-
kers, zijne broeders niet meer te storen. Van dat
oogenblik af, hoorde men geen gekwaak meer,
waarom de vijver volgens Azévédo den naam ver-
kreeg van St-Antonius-meer.
Keeren wij naar Bourges terug, om wederom van
een wonder getuige te zijn. De bisschop en de
geestelijken van de stad hadden zich eens met eene
groote menigte geloovigen naar eene groote vlakte,
dicht bij de stad gelegen, begeven om het bezielde
woord van den apostel aan te hooren. Het was heer-
-ocr page 17-
VAN DEN II. ANTONIUS VAN 1\'ADfA
\'S
lijk weder, de onver-
moeide en weispre-
kende franciscaan
besteeg eene hoog-
te, van waar hij het
woord tot het verza-
melde volk richtte.
Eensklaps greep een
hevige angst en
schrik deze groote
menigte aan, die
eerst zoo rustig en
aandachtig was ge-
weest. Antonius had
niet bemerkt dat
zwarte, zware on-
weerswolken de lucht,"
die eerst zoo helder
stond, hadden betrok-
ken. Schitterende blik-
semschichten door-
kliefden de lucht, een
vreeselijke storm zou
weldra iosbarsten; een
ieder wil zich naar zijne
woning spoeden, of
eene schuilplaats op-
zoeken : Antonius al-
leen blijft kalm en zegt
met verheffing van
stem : « Staat stil,
blijft op uwe plaats
en ik sta er voor in, dat geen druppel
water uwe hoofden zal bevochtigen ! »
De heilige heeft gesproken, allen zijn
De novicf brengt den II. Antonius zijn baudschrift terugf.
Ue II. Maagd bevrijdt don II. Antonius van een aanval des duivels.
-ocr page 18-
10
WONDERDADIG LEVEN
gerustgesteld en blijven op hunne plaatsen, terwijl
zij vertrouwen op zijne belofte : hoewel nu regen
en hagel rondom de menigte bij stroomen uit de
lucht vallen, valt ook zelfs geen druppel op een van
hen. Op het zien van dit wonder, dankten zij God,
en beloofden getrouw te blijven aan de raadgevin-
gen van zijnen machtigen dienaar.
Terwijl Antonius te Toulouse was, ontving hij er
eene zeer groote gunst van de H. Maagd. Op het
feest van Maria-Hemelvaart, kon hij niet besluiten
naar het koor te gaan om de Primen te bidden, daar
eene zekere verklaring van dit geheim in het raar-
tijrologium van Usuard, zijn geloof, dat zoo levendig
was betreffende dit verheven geheim, een weinig
kwetste. Om haren welbeminden dienaar te troosten,
verscheen hem de H. Maagd in eenen schitterenden
stralenkrans en zeide hem, dat zij, na drie dagen
zonder eenig spoor van bederf in het graf te hebben
gelegen met ziel en lichaam op engelenvleugelen
ten hemel was opgenomen, gelijk de H. Kerk leert.
Dit visioen vervulde Antonius met vreugde, en deed
zijn ijver in het verdedigen van de onuitsprekelijke
voorrechten van Maria nog meer aangroeien.
Het volgende geeft ons een treffend bewijs, hoe-
zeer de H. Antonius medelijden had met alle smar-
ten der lijdende menschheid.
In zekere stad du Puy geheeten, was eene voor-
name dame op het punt moeder te worden, die zich
in de gebeden en H. offers van den heilige aanbeval.
Nadat zij nog eens zijne voorbede had ingeroepen,
antwoordde de H. Antonius haar : « Vertrouw en
verheug u, want de Heer zal u een zoon geven, die
eens Minderbroeder en martelaar van Jesus-Chris-
tus zal worden, » hetgeen geschiedde, gelijk de
heilige had voorspeld.
Bij eene der predikaties van Antonius, trad eens-
klaps een bode in de heilige plaats, en begaf zich
naar eene edele dame, die aandachtig luisterde
naar de woorden van den predikant; de bode reikte
haar eenen brief over en verzocht haar dringend
hem te openen, hetgeen natuurlijk eene zekere
stoornis te weeg bracht; maar weldra werd dit veel
-ocr page 19-
VAN DEN H. ANTON1US VAN PADUA
\'7
slimmer, toen men het geschrei en de weeklachten
hoorde van de ongelukkige vrouw, die zoo even het
overlijden van haar eenigen zoon had
vernomen. De heilige evenwel ontdekte
door goddelijke ingeving, de
kunstgreep van den geest der
duisternis en, terwijl hij zich
tot de arme moeder richtte,
zeide hij : « Wees gerust mijne
zuster; uw zoon leeft en is
volkomen gezond; deze bode
is de vader der leugentaal.
Onmiddelijk nu verdween de
voorgewende bode voor aller
oogen en was nergens meer
te vinden.
Bij eene andere gelegenheid,
wenschte eene vrouw vurig
den man Gods te gaan hooren,
die op eenigen afstand
van de stad zou pre-
ken ; maar haar man
wilde dit in geen geval
toestaan
Het wonder van Bourges.
-ocr page 20-
l8                                      WONDERDADIG Lt VL\'N
weigering- bedroefd, ging zij naar boven, en terwijl
zij een venster opende naar den kant waar de heilige
zou preken, trachtte zij tot haar troost, ten minste
te zien, wat er in den omtrek voorviel. Doch, zie,
door een uitstekend wonder, hoort zij zeer duidelijk
de stem van Antonius, hoewel hij eene halve mijl
verwijderd was, en verstaat volkomen den inhoud
van zijne predikatie. Toen haar man haar vroeg,
waarom zij zoo lang aan dat venster verbleef, gaf
zij ten antwoord, dat zij luisterde naar de preek van
Antonius ; haar echtgenoot meende eerst.dat zij hem
beet nam, doch toen hij haar zoo stil en onbewegelijk
zag zitten, ging ook hij naar boven, en onderscheidde
zelve zeer duidelijk de stem van Antonius. Van af
dit oogenblik zag men beide echtgenooten geregeld
alle sermonen van den heilige bijwonen.
Een ander schitterend wonder. — Eene arme
vrouw, die den Minderbroeders zeer genegen was
had hun eenige levensmiddelen gebracht; door de
eene of andere omstandigheid nu kon zij niet dan
in de nacht naar huis terugkeeren. Haar man, die
zeer vertoornd was overdeze late tehuiskomst, over-
laadde haar niet alleen met hevige verwijtingen,
maar mishandelde haar zelfs, sloeg haar hevig, ja
ging zelfs in zijne woestheid zoo ver dat hij haarde
haren van het hoofd trok ! De arme vrouw, die ver-
plicht was het bed te houden wegens de ondergane
mishandelingen, liet Antonius verzoeken tot haar te
komen, liij kwam, troostte haar, maande haar aan
tot geduld en beloofde God voor haar te bidden. Ter
nauwernood was hij in zijn klooster teruggekeerd en
met zijne broeders het gebed begonnen, of de zieke
voelde zich genezen, en wat nog het wonderbaarste
was, haar haartooi was eensklaps weder gelijk voor-
heen.
Op zekeren keer, toen de heilige moest preken in
eene kleine stad Saint-Junien, kwam er zoo veel
volk, dat hij genoodzaakt was naar de openbare
plaats te gaan. Hij liet eene kleine verhevenheid
oprichten voor hem zelven, de geestelijken, het
bestuur en de voornaamsten van de stad. Voor dat
hij evenwel het woord opvatte, zag hij bij ingeving
-ocr page 21-
ig
VAN DEN H. A.NTONIUS VAN PATM.W
vooruit, dat de geesten der duisternis zouden trach-
ten, stoornis te brengen onder zijn gehoor, maar
tevens dat geen enkel ernstig ongeval zou geschie-
den. Antonius waar-
sclmwde zijne toe-
hoorders, doch voeg-
de er bij, dat hun
geen leedzoutreffen,
en nauwelijks was hij
begonnen of de kwa-
de geesten wierpen
met groot gedruisch
het gevaarte, waar-
op Antonius zich
bevond, omver.Voor
een oogenblik werd
de menigte ontsteld,
doch de waarschu-
wing van den heilige
voorkwam verdere
wanorde en weldra
was de rust hersteld,
te meer, daar noch
Antonius, noch zij,
die hem omringden,
het minste letsel had-
den bekomen. Spoe-
dig was eene nieuwe
hoogte daargesteld,
vanwaar Antonius
i^^
PmiJlSk                                       zijne preek te mid-
den iler grootste stilte kon voortzetten.
Door Provence gaande, werden de
heilige en zijn gezel zeer gastvrij opgenomen
door eene godvruchtige vrouw, die hen met
de grootste zorg en liefde onthaalde. Zij
bereidde hun een goeden maaltijd, en leende bij
hare buurvrouw, wat haar ontbrak, om hare
gasten zoo goed mogelijk te eeren. Nadat zij
uit een vat in den kelder den noodigen wijn had
Maagd verschijnt aan den II. Antonius o[i het feest harer
teu hemel Opneming.
Du II.
-ocr page 22-
20                                      WONDERDADIG LI VEN
getapt, ging de goede vrouw terug, doch vergat in
haren haast de kraan van hetzelve dicht te draaien,
zoodat al haar wijn door den kelder liep. Tot over-
maat van ramp, nam de gezel van Antonius een
kostbaar glas, dat van de buurvrouw was geleend,
zoo onhandig aan, dat hetzelve brak. Tegen het
einde van den maaltijd, wilde de gastvrouw nog
wat wijn halen, en zag tot haren schrik, dat het
geheele vat was leeggeloopen. Na dit den heilige
te hebben medegedeeld, begon deze,begaan met het
lot van zijne weldoenster, aanstonds te bidden, en
zie, terwijl hij bad, zag men de stukken van het
gebroken glas bij een komen, het glas was heel. ja
er was zelfs geen spoor van \'t breken te vinden. Ver-
wonderd en verheugd ziet de gastvrouw het wonder,
wat de heilige voor haar heeft gewrocht. Vol ver-
trouwen loopt zij nu ook naar den kelder en ziet
met eene blijde verrassing, dat het ledige vat op
nieuw met wijn was gevuld. Dronken van vreugde
ijlt zij naar boven om haren weldoener te bedanken,
doch tot haar groote spijt was Antonius reeds met
zijn gezel vertrokken.
God gewaardigde zich de liefde van Antonius voor
het H. Offer onzer altaren door eene uitstekende
gunst te beloonen : eens was hij volgens zijn ver-
langen met een zeer gering werk bezig ; eensklaps
hoort hij de consecratie-klok luiden, dadelijk knielt
hij neder en door een schitterend wonder, openen zich
de muren van de kapel en verschijnt de H. hostie
tusschen de vingers des priesters; hij aanschouwt en
aanbidt ze met eene heilige vervoering van vreugde,
waarna de muur zich weer sloot.
Een arme krankzinnige kwam eens in eene kerk,
terwijl onze groote missionaris aan het preken was;
de arme man stelde zich zeer woest aan, liep door de
kerk en schreuwde luidkeels; Antonius ging naar
hem toe en gaf hem het einde van zijn koord in de
hand. Nauwelijks had de ongelukkige hetzelve aan-
geraakt of hij veranderde geheel, kreeg op eene
wonderbare wijze het gebruik van zijn verstand
terug, en bedankte openlijk zijn weldoener voor de
verkregene gunst.
-ocr page 23-
VAN DEN H. ANTONIUS VAN PADUA                         31
In dien tijd leefde er in de stad du Puy een notaris,
die wel is waar niet goddeloos, noch verklaarde
vijand van de kerk, doch zwak en slaaf
zijner hartstochten was. Wanneer deze
nu den godvruchtigen overste der Min-
derbroeders op straat ontmoette, be-
merkte hij, dat, zoo dikwijls hij hem
voorbij -
ging, de
man
Gods
eerbie-
dig den
hoed
afnam
en zich
zelfs
voor
hem op
de
knieën
wierp,
waarom
hij hem
zooveel
mogelijk
ontweek.
Niette-
min stond op zekeren keer
de heilige eensklaps voor
hem, zonder dat hij hem
kon ontwijken. Deze groet-
te hem, volgens zijne ge-
woonte en knielde voor
hem neder. De woedende
notaris sprak Antonius bits toe en vroeg hem :
« Wat heb ik utoch gedaan, dat gij mij tel-
kens voor den gek houdt ? Vreesde ik Gods
gerechtigheid niet, dan had ik u al lang met mijn
zwaard doorstoken. » Antonius antwoordde hem
Op het gebed van den H. Antonius opent zich de muur eener kapel,
en doet hem den priester de H. hostie opheffende aanschouwen.
-ocr page 24-
2 5                                              WONDERDADIG LE VfcN
met groote zachtmoedigheid : « Waarde broeder,
ik eer in u den martelaar van Jesus-Christus ; ik heb
vurig verlangd mijn bloed voor mijn God te storten,
Hij heeft het niet gewild. De Heer heeft mij even-
wel ten opzichte van u geopenbaard, dat gij, na
uwe bekeering, Hem openlijk zou belijden en die
belijdenis met uw bloed bezegelen. Denk dan aan
mij, bid ik u, in dat gelukkig oogenblik. » Gelijk
men wel kan denken, was de notaris op zulk eene
toespraak volstrekt niet voorbereid, en terwijl hij
meende met een halven gek te doen te hebben,
lachte hij hem uit en ging heen. De H. Antonius had
evenwel eene ware voorspelling gedaan. Inderdaad,
eenigen tijd later, bekeerde zich de notaris en ver-
gezelde met verscheidene priesters en broeders, den
bisschop van du Puy, die als pelgrim naar Pales-
tina was vertrokken om er den Mahomedanen het
geloof te prediken. In eenen woordentwist met de
Turken, legde onze notaris eene schoone belijdenis
van het katholiek geloof af, terwijl hij den bedrieger
Mahomed aan de kaak stelde. Dadelijk gegrepen,
onderstond hij gedurende drie dagen de wreedste
folteringen, en werd vervolgens ter dood veroor-
deeld ; alstoen verklaarde hij zijnen metgezellen,
dat Broeder Antonius, overste van het klooster van
du Puy, hem den marteldood had voorspeld.
Tegen het einde van 1226, ontvingen alle provin-
cies van de Orde een rondgaanden brief van Broeder
Elias, die toen vicaris-generaal was, waarin het
treurig bericht van het overlijden van den sera-
phijnschen aartsvader der Minderbroeders werd
gemeld. De H. Antonius moest zich daarop naar
Italië begeven. Hij reisde te voet. Te Brive aan-
gekomen, troostte en bemoedigde hij de bewoners
van het laatste klooster, wat hij in Frankrijk had op-
gericht. Hij zegende ze met bizondere godsvrucht.
Dit klooster toch was als zijn Benjamin geweest.
Zonder twijfel werd hij daarom op die plaats meer
bemind en bleef de gedachtenis aan hem zoo leven-
dig, dat hij er bij het einde van de xix,te eeuw niet
alleen bizonder wordt geëerd, maar bovendien tal
van wonderen getuigenis van hem afleggen.
-ocr page 25-
VAN DEN H. ANTONIUS VAN PADUA                     ï)
Toen Antonius naar Italië was teruggekeerd, be-
gaf hij zich onmiddelijk naar Rome, waar zijn roep
hem reeds was voorgegaan. De Paus beval hem er
dat jaar de vastenpreeken te houden. Op het H.
Paaschfeest belastte Gregorius
IX, die Honorius III was op-
gevolgd op den
pausselijken
stoel, hem voor
de talrijke pel-
grims, die uit al-
le streken naar
Rome waren ge-
komen, om de
aflaten te ver-
dienen en de
feesten bij te
wonen, te pree-
ken. Zonder aar-
zelen gehoor-
zaamde de hei-
lige op de stem
van Christus\'
plaatsbekleeder,
en het wonder na
de nederdaling
vanden H.Geest
te Jerusalem
aanschouwd ,
werd hernieuwd.
Ontelbare pel-
grims van ver-
schillendenland-
aard en taal, verstonden tot aller verbazing de
woorden vanden heilige zoo goed en duidelijk, alsof
hij ieders taal afzonderlijk sprak. Bij deze gedenk-
waardige gelegenheid gaf Gregorius IX, Antonius
terwijl hij diens wonderbare kennis der H. Schriften
leerde kennen, den bijnaam van Ark drs N. Tes-
taments,
gelijk hij reeds door het volk Immer dgr
Womlerda iige genezing van eenen krankzinnige.
-ocr page 26-
WONDERDADIG LEVEN
ketters was genoemd. Na te Padua als apostel te
hebben gepredikt begaf hij zich naar Verona, waar
Ezzelino di Romano, schoonzoon van Frederik II op
eene onverdragelijke wijze heerschappij voerde. On-
mogelijk was het de slachtoffers zijner wreedheid te
tellen, noch de wreede kwellingen, welken dit mon-
sterin menschelijke gedaante de ongelukkige inwo-
ners deed ondergaan. Antonius, bewogen door de
klachten van dit arm volk, meende zich door God
geroepen tot een heldhaftigen daad van moed en
doodsverachting. Te Verona aangekomen, vraagt
en verkrijgt hij onder voorwendsel hem zeergewich-
tige zaken te moeten mededeelen, gehoor bij den
wreeden Ezzelino. Zoodra hij in zijne tegenwoordig-
heid is, roept de heilige, zonder voor het gevaar
terug te deinzen, en dien tijger scherp aanziende :
« Verwoede vijand van God, wreede tiran, dolle
hond, wanneer zult gij eens ophouden met het ver-
gieten van onschuldig bloed ? Het bloed der chris-
tenen roept den hemel om wraak tegen u; het
godsgericht zal over u komen en uw oordeel zal
verschrikkelijk zijn. » De gewapende lijfwachten, die
Ezzelino omringen en steeds gereed zijn, zijne be-
velen te volbrengen, wachten slechts op een teeken
om dien monnik te dooden, wiens stoutmoedigheid
aldus hun meester trotseerde. Maar God houdt de
harten der verstokste zondaars in zijne hand. Ezze-
lino op de stem van Antonius als vernietigd, gelijk
eertijds Attila op die van den H. Paus Leo, werpt
zich voor den onversaagden apostel op den grond,
bekent zijne misdaden en verklaart zich bereid zijne
bevelen te gehoorzamen ; zijn gevolg stond verplet;
later bekende Ezzelino hun, dat hij op het gelaat
van dien man een schitterenden glans had gezien,
welke hem had doen schrikken, en dat hij had ge-
meend op het oogenblik zelve in het diepste der hel
geworpen te zijn. De tiran vatte voor Antonius eene
bizondere achting op : gedurende eenigen tijd be-
dreef hij geene nieuwe misdaden ; maar zijne bedor-
vene hartstochten sleepten hem ten laatste toch
mede in het verderf.
De levensbeschrijvers van onzen heilige halen hier
-ocr page 27-
VAN DEN H. ANTONIUS VAN P iDCA                        5 5
rence preekte, waar de woeker algemeen heersch-
te, stierf er een notaris, die als een der rijkste
woekeraars bekend stond. Antonius werd uitge-
noodigd de lijkrede te houden. Hij nam tot tekst
van zijne toespraak deze woorden van het Evange-
lie : Waar uw schat is, is uw hart : « Ubi est the-
sanrus tuus, ibi est cor tuum
»,en terwijl hij dezen
gewijden tekst met kracht ontwikkelde, riep hij met
eene verschrikkelijke stem en als van hooger hand
ingegeven : « Deze rijke is dood en begraven in de
hel. Zoekt zijnen schat en daar zult gij zijn hart
vinden. » Op deze woorden, waren zijne toehoorders
als van den bliksem getroffen. Ter nauwernood zijn
de ontstelde ouders te huis, of zij openen den koffer,
welke de schatten van den overledene bevatten, en
vinden tot hun grooten schrik het hart van den on-
gelukkigen woekeraar te midden der goud-en zil-
verstukken.
De stichting van het klooster van Gemona is be-
Ezzclino wordt door den heilige over zijue misdaden berispt.
-ocr page 28-
= 5                                      WONDERDADIG LEVI-N
roemd door het wonder, dat de heilige, terwijl het-
zelve gebouwd werd, wrochtte. Hij verzocht n.1. een
ossendrijver voor eenige oogenblikken zijn wagen
te leen, om een partijtje steenen te vervoeren. Daar
de boer dezen dienst niet wilde bewijzen, wendde hij
voor, dat zulks niet kon, wijl hij een doode in zijn
wagen had. Deze doode nu was niemand anders,
dan zijn zoon, die in den wagen lag te slapen. Op
dit antwoord, drong de heilige niet verder aan en
ging heen, terwijl hij onheilspellend glimlachte. De
voerman wilde daarop den jongeling wekken, om
hem het bedrog mede te deelen, waarvan, zooals
hij meende, de monnik het slachtoffer was geworden.
Maar zijne vreugde veranderde weldra in hevigen
schrik ; hij had de waarheid gezegd, de jongeling
toch was werkelijk overleden. Aanstonds wierp zich
nu de ongelukkige vader voor de voeten van Anto-
nius en bezwoer hem met betraande oogen hem zijn
zoon weder te geven. De heilige door medelijden
getroffen, nadert den wagen, maakt het teeken des
kruizes over het lijk en geeft den jongeling de hand,
die weder tot het leven terugkeert.
Na het algemeen kapittel te hebben bijgewoond,
ging Antonius eenige dagen op den heiligen berg
van Alverno doorbrengen, ten einde in de eenzaam-
heid uit te rusten van zijne onophoudelijke ver-
moeinissen en zich tot nieuwen arbeid voor te be-
reiden. Men wees hem eene cel aan bij de plaats,
waar de H. Franciscus de vijf H. wondteekenen
ontving, en die nu nog bestaat. Tegen het einde van
het jaar 12.S0, hernam onze heilige zijne apostolische
reizen ; hij verscheen weder te Padua, hield er de
vastenpreken in 1231 en zijn wegslepend woord
bracht op nieuw in deze stad de wonderbaarste
vruchten voort. Vervolgens verkondigde hij het
goddelijk woord in de omliggende plaatsen van
Padua, bekeerde de zondaars, bracht de ketters tot
het ware geloof terug, roeide haat en tweedracht
uit, en herstelde overal den vrede.
Het uur der belooning naderde echter voor dezen
goeden en getrouwen dienaar; door goddelijke in-
geving werd hij tegen het einde van de maand Mei
-ocr page 29-
VAN DEN II. ANTON1US VAN PADUA                         = 7
hemel, en wel verre dat de gedachte aan den dood
hem verschrikte, stortte zij juist zoete vreugde in
zijne ziel. Toen hij zijne krachten voelde verminde-
ren, wenschte hij naar het klooster van Padua ge-
bracht te worden ; maar toen men vóór de stad was
gekomen, vreesde men, dat het volk, dat in menigte
was uitgeloopen, hem zou hinderen en het leven
van den eerbiedwaardigen zieke in gevaar brengen.
Men bracht hem dan naar het klooster der Clarissen
van Arecla, bij hetw.ik de Minderbroeders als be-
stuurders van deze kloostergemeente eene kleine
woning hadden. Op den morgen van 13 Juni 1231,
De II. Anlouius en de voermun van Gemona.
-ocr page 30-
ï8                                       WONDERDADIG LEVEN
een vrijdag, biechtte en communiceerde de heilige;
vervolgens zong hij met zwakke stem zijn lievelings-
gezang O gloriosa Domina. hetwelk hem zijne
moeder had geleerd, toen zij hem nog op hare
knieën wiegde. Zijne oogen richtten zich daarna ten
hemel, en hij bleef eenigen tijd in dien toestand.
Men vroeg hem, wat hij met zooveel aandacht
aanschouwde, waarop hij ten antwoord gaf: « Mijne
broeders,ik aanschouw onzen Heer Jesus-Christus! »
Zijn einde brak nu weldra aan. Na het H. Oliesel te
hebben ontvangen, sloeg hij nog eens zijne oogen
ten hemel en ontsliep zonder doodstrijd inden Heer.
Antonius was toen bijna zes en dertig jaar oud.
Aldus verbleekte deze wonderbare ster, welker
glans Frankrijk en Italië had verlicht. Aldus stierf
deze onvergelijkelijke wonderdoener, die zelve als
meester over den dood had geheerscht. Op het
oogenblik zelve van het overlijden van Antonius te
Arecla, liepen de kinderen door de straten van Pa-
dua en riepen : De heilige is dood l De heilige is
dood .\'
waardoor deze groote gebeurtenis spoedig
algemeen bekend werd. fien ernstige strijd ontstond
wegens de begrafenis van den heilige, tusschen de
bewoners van Arecla en die van het klooster van
Padua, hetwelk de heilige voor zijne laatste rust-
plaats had aangewezen. De bisschop van Padua be-
hield de overhand en vijf dagen na het verscheiden
van Antonius, werd het lichaam eindelijk opgenomen
en vertrok de lijkstoet van Arecla naar Padua. Ge-
wijde gezangen vervulden de lucht. Men zou gezegd
hebben, dat een overwinnaar de hoofdstraten zijner
hoofdstad doortrok. Toen de stoet was aangekomen
bij de kerk van de H. Maagd, welke door den H.
Franciscus van Assisië was gesticht, zette men de
kist neder en de bisschop zong eene plechtige Mis
van requiem, waarna de beaarding plaats had.
Zijne levensbeschrijvers geven ons van denH. An-
tonius de volgende beschrijving : de kleur van zijn
gelaat was donkerbruin, gelijk dat van bijna alle
Portugezen ; zijne gestalte was een weinig beneden
het middelmatige ; hij zag er sterk uit, ofschoon zijn
gestel zwak was, zijn uiterlijk was bevallig, bijna
-ocr page 31-
VAN DEN H. ANTON1US VAN PADUA                          29
kinderlijk, hoewel eene zachte ernst er op uitgedrukt
lag. Zijn voorhoofd was breed, zijn blik doordrin-
gend, in het geheel drukte zijne trekken de grootste
goedheid uit. Onwillekeurig voelde men zich tot hem
getrokken, en zelfs zij, die hem niet kenden, werden
getroffen en als overmeesterd door den glans van
heiligheid die uit geheel zijn wezen straalde.
De wonderen bij het graf van den wonderdoener
waren zoo schitterend, dat Paus Gregorius IX, een
groot bewonderaar zijner deugden, hem reeds op
het Pinksterfeest van het volgende jaar, 30 Mei 1232,
in de rij der heiligen opnam, \'t Is onmogelijk te
beschrijven met welken luister Padua deze heerlijke
gebeurtenis vierde. Mendenke alles uit wat de leven-
digste dankbaarheid in Italië kan uitwerken en men
zal de pracht niet te hoog schatten, waarmede de
inwoners van Padua voor de eerste maal het feest
van onzen grooten wonderdoener vierde.
Dood en begrafenis van den II. Antonius van Padua.
-ocr page 32-
WONDERDADIG LHVFN
JO
Maar weldra, helaas! viel deze ongelukkige stad,
die eens door Antonius bevrijd was geweest van de
wreedheden van Kzzelino in de macht van dezen
bloeddorstigen man, die haar gedurende zeventien
jaar onder zijne ijzeren hand teisterde. Hoe groot
was dan ook niet de blijdschap der inwoners, toen
hun op geheimzinnige wijze werd medegedeeld, dat
de stad binnen acht dagen, door tusschenkomst van
den H. Antonius, van het vernederend juk, waar-
onder zij gebogen ging, zou bevrijd worden. De
uitkomst beantwoordde aan de verwachting en in
hunne dankbaarheid besloten de overheids personen
der stad, eene prachtige kerk te voltooien, welke
ter zijner eer, en terwijl de H. Bonaventura generaal
der orde was, was gesticht in 1263 ; de overblijfselen
des heilige moesten naar de prachtige basiliek wor-
den overgebracht, die door de dankbaarheid en
godsvrucht der inwoners van Padua was tot stand
gekomen. Den 6<,\'> April van hetzelfde jaar werd het
lichaam van den heiligen Antonius opgegraven. Het
werd door den H. Bonaventura zelven herkend. De
beenderen waren nog ongeschonden, doch het
vleesch was tot stof vergaan ; alleen de tong was
geheel in goeden staat, rood en frisch als die van
een levend mensch. Diep bewogen over dit wonder,
nam de generaal eerbiedig deze tong in zijne han-
den, bracht ze aan zijne lippen en sprak, als in ver-
rukking deze onsterfelijke woorden : « O gelukzalige
tong, die \\oo dikwijls den Heer hebt geprezen en
\\oo uitmuntend anderen hebt geleerd Hem te prij-
\\en, nu \\icn wij hoe kostbaar gij voor den Heer
geweest \\ijl.
»
Zij werd in een kristallen reliekkas geplaatst
welke met goud en edelgesteenten was versierd, en
de beenderen werden in een prachtig graf gesloten.
De seraphijnsche leeraar vervaardigde ook in een
opwelling van bewondering en liefde het uitmuntend
gezang Si quwris, bijgenaamd het wonderdadig
responsorium, wegens de gunsten, die zij verkrijgen,
die hetzelve met godsvrucht bidden.
-ocr page 33-
VAN DEN H. AUfOKIÜS VAN PADUA                         JI
g^^BSfe
Wonderdadig\'
Door den II.
ter eere van dch
Responsorium
Bonavenfrira,
II. Antonius van
Padna. vervaardigd.
(ioo dagen allaat iedere keer : volle aflaat te verdienen eens
per maand, zoo men het dagelijks gedurende eene maand
bidt.)
Si quoeris uiiracula,
Mors. error, calamitas,
Dicmon, lepra, fugiunt,
yEgri surgunt sani.
Cedunt mare, vincula ;
Membra, resque perditas
Petunt et accipiunt
Juvenes et cani.
Wilt gij mirakelen zien,
De dood verliest zijn buit.
Dwaling, duivel en ellenden
En melaatschheiddoet hij wen-
Ziekte wordt gestuit. [den,
De \\ee gehoorzaamt hem,
De boeien vallen neer.
Van jeugd en grijsheid heelt
[de kwalen;
En wal er ook moog dwalen,
Men vindt \'t spoedig weer.
Gevaren ook verdwijnen.
Gebrek en nooddruft keert niet
[weer ;
Dat zij, die \'t ondervonden
Vooral van Padua, \'t verkon-
Ter eere van den Heer! [den,
De ;eegehoorzaamt en\\ :
Pereunt pericula ;
Cessat et necessitas;
Narrent hi, qui sentiunt,
Dicant Paduani.
Cedunt, etc.
-ocr page 34-
WONDERDAD1G LEVEN
3-
Gloria Patri, et Filio, et
Spiritui Sancto.
Cedunt, etc.
y. Ora pro nobis, beate
Antoni:
ft. Ut digni efficiamur
promissionibus Christi.
OREMUS
Ecclesiam tuam, Deus,
Beati Antonii Confessoris
tui commenioratio votiva
lxtificet, ut spiritualibus
semper muniatur auxiliis,
et gaudiis perf\'rui merea-
tur aeternis. Per Chris-
tum Dominum nostrum.
Amen.
Glorie zij den Vader, den
Zoon en den H. Geest.
De gehoorzaamt en; :
y. Bid voor ons, H. Anto-
nius ;
ft. Opdat wij der beloften
van Christus waardig worden.
LAAT ONS niDDEN
Moge, o mijn God, de god-
vruchtige gedachtenis van den
Gelukzaligen Antonius uwen
belijder, uwe Kerk verheugen,
opdat zij voortdurend door
geestelijke hulp moge ver-
sterkt worden, en verdiene een
eeuwig geluk te genieten. Door
Christus onzen Heer. Amen.
Geschrift of brief van den H. Antonius.
ZIEHIER HET KRUIS f DES HEEREN
VLUCHT VIJANDEN VAN ONS HEIL
DE LEEUW VAN JUDA\'s STAM
DE SPRUIT VAN DAVID HBBFT VBR-
WONNEN,
ECCE CRU f CEM OOMINI
PUGITE PARTES AÜVERS.K
VILTT LKO UK TR1BU JUDA,
RADIX DAVID :
ALLELUIA ! ALLK1.UIA I
AI.I.ELÜIA !
Aflaat van ivodagen, eens per dag te verdienen en toepasselijk
up de pielen van het vagevuur. (Leo XIII. 21 Mei 1H92.)
Gewoonlijk voegt men er de volgende vorsen met gebed hij :
V. Sancte Antoni daemo-
num effugator, ora pro
v
nobis.
6. Ut digni efficiamur
promissionibus Christi.
OREMUS
Ecclesiam tuam, Deus,
Beati Antonii Confessoris
tui couiniemoratio votiva
ketificef, ut spiritualibus
semper muniatur auxiliis
et gaudiis perfrui merea-
tur asternis. Per Chris-
tum Dominum nostrum.
Amen.
Ab insidiis diaboli, libe-
ra nos, sancte Antoni.
ons.
ft Opdat wij der beloften
van Christus waardig worden.
LAAT ONS BIDDEN
Moge, o mijn God, de god-
vruchtige gedachtenis van den
Gelukzaligen Antonius uwen
belijder, uwe Kerk verheugen,
opdat zij voortdurend door
geestelijke hulp moge ver-
sterkt worden,en verdiene een
eeuwiggeluk te genieten. Door
Christus onzen Heer. Amen. ■
Bevrijd ons, H. Antonius
van de listen des duivels.
-ocr page 35-
VAN DEN H. ANTONIUS VAN PADUA                         })
Ontstaan van den Brief.
Onder de regeering van den ko-
ning Dionijsius was er te Portugal
iemand, die hevig door den duivel
werd gekweld. Dikwijls verscheen
haar deze vijand van ons heil onder
de gedaante van Jesusaan het kruis,
welke haar aanzette, zich in de Taag
te werpen, ten einde vergiffenis ha-
rer zonden en het geluk des hemels
te verkrijgen. Ten laatste, door de
leugenachtige voorstellen des dui-
vels bedrogen, besloot de ongeluk-
kige werkelijk zich te gaan verdrinken. Op haar weg
kwam zij bij eene kapel der Franciscanen en ging er in.
Nadat zij zich voor het altaar van den H. Antonius had
neergeworpen, smeekte zij de hulp van den heilige af, om
hare ziel te redden, waarna zij door de gedachte aan haren
aanstaanden dood en van vermoeienis weldra insliep.
Terwijl zij nu sliep, verscheen haar de H. Antonius,
bracht haar van haar voornemen af, en gaf haar een stuk
perkament, wat zij altijd bij zich moest dragen. Toen zij
ontwaakte, vond zij om haar hals het kostbare blad, waarop
Basiliek van den H. Antonius te Padua. — Reliekhouder van de
H tong.
-ocr page 36-
WONDERDADIG LEVEN
M
men de weinige regels las, welke in het vervolg Geschrift
of Brief van den ff. Antonius
werden genoemd.
Aanstonds ondervond zij de krachtdadigheid van dit he-
melsch geneesmiddel; de bekoring en het overwicht van
Satan verdwenen op het oogenblik zelve.
Nadat de koning van Portugal van het wonder had ge-
hoord, wilde hij het wonderbaar geschrift zien en liet het
bij zich brengen. Zoodra de arme vrouw van haren kost-
baren schat was beroofd, viel zij wederom in de macht des
duivels. Men bracht haar nu een nauwkeurig afschrift van
den wonderbaren Brief. Zij ontving het met vertrouwen en
droeg het dag en nacht bij zich. Van af dit oogenblik, kreeg
zij den vrede des harten weder, en werd zij geheel van hare
bekoringen bevrijd, welke zich gedurende de twintig jaar,
die zij nog op aarde doorbracht, in \'t geheel niet meer ver-
toonden. De koning bewaarde het oonspronkeliike bij de
relikwiën van de kroon. (P. Jean de la Haye. Bollandis-
ten. Act. S. S.Junii, t. ui.) Later heeft men bij den Brief
de versen en het gebed van den heilige gevoegd.
Gedurende zijn leven verjoeg de H. Antonius de duivels
door het teeken van het H. Kruis; hij had hiervan dikwijls
de kracht ondervonden ; is het dan te verwonderen, dat hij
hetzelve als onfeilbaar geneesmiddel gaf tegen de aanvallen
van Satan? De kracht van het Kruis is altijd dezelfde ge-
bleven. Ook nog in onzen tijd vreest de hel den Brief van
den H. Antonius. Vele christenen zijn van bekoringen be-
vrijd. en hebben talrijke gunsten en kostbaregeestelijlcehulp
in de inoeielijkheden, beproevingen en ziektes verkregen,
door het dragen en bidden van dezen wonderbaren Brief.
De Brief wordt even als eene medaille om den hals ge-
dragen, ook kan men hem, gedrukt op linnen, aan een
schapulier of aan een kleedingstuk vasthechten. Het is goed
hem nimmer af te leggen.
Paus Sixtus V heeft den Brief laten beitelen op het
voetstuk van de obelisk van den H. Petrus.
De oprichting eener kerk ter eere van den
H. Antonius van Padua en Onze
lieve Vrouwe van Bijstand.
•
De dood van den H. Antonius had geensints de liefde
en het levendig vertrouwen ontnomen, aan die bevolking
van Frankrijk, aan wie hij het Evangelie had verkondigd;
niettemin bewezen die geloovigen vooral, toen zij van den
pelgrimstocht terugkwamen naar deze gezegende grotten,
waar deze groote heilige zooveel had gebeden en was
bewaard gebleven voor den dood. door de machtige be-
-ocr page 37-
VAN ÜES H. ANTONITS VAS PADUA                        JJ
scherming van Onze lieve Vrouw onder den titel van Onze
lieve Vrouw van Bijstand, den H. Antonius eene geheel
bizondere vereering. Deze schoone uitingen van het geloof,
welke gedurende de allesverwoestende omwenteling waren
onderbroken, begonnen hoe langer hoe meer zich meer te
vertoonen. Ook in onze dagen trokken geheele scharen
pelgrims naar deze gewijde grotten, en hebben hunne ver-
eering betuigd voor deze gezegende plaatsen, welke het
middelpunt uitmaken van de godsvrucht tot den H. Anto-
nius in Frankrijk.
Maar weldra zag men. dat het kleine heiligdom, waarin
de heilige Geheimen werden opgedragen (terwijl de kerk
was verwoest), veel te klein was om de menigte te bevat-
ten en ze tegen regen en wind te beschutten.
Mgr. Bertaut, bisschop van Tulle, die den H. Antonius
bizonder vereerde, spoorde nu alle vrome geloovigen aan,
ten minste een steentje te offeren voor den bouw eener
nieuwe kerk. Deze is nu bijna geheel gereed, de styl is een-
voudig,doch voor het doel zeergoed toegepast en uitgewerkt.
Het beeld van de Onbevlekte Maagd, beschermster van
de orde der Franciscanen, geplaatst in het gevelportaal,
hetwelk het heiligdom scheidt van het schip der kerk, is
gericht naar de groote plaats, welke zich voor de grotten
bevindt. In hare armen houdt zij haren welbeminden zoon,
terwijl haar rechterhand een kruis omvat, waarvan het
einde uitloopt in een schicht, welke de tong van den hel-
schen draak doorboort. Bij het aanschouwen van dit beeld,
daalt eene zoete blijdschap in het hart en het zegt als \'t
ware tot de ziel. dat zij alles van Maria zal verkrijgen,
door het verbreiden van den eeredienst van haren welbe-
minden leerling.
Zijne HeiligheidI.eo XIII verleende plechtige zegeningen
en kostbare aflaten aan alle geloovigen, die door hunne gif-
ten, hoe gering ook, hadden medegewerkt aan den bouw
van deze kerk. die alzoo een nationaal heiligdom moest
worden, wijl geheel Frankrijk had bijgedragen dezelve op
te richten, ter eere van dezen onvergelijkelijken heilige,
dien Frankrijk het recht heeft, ter wille van zijne afkomst,
als een groot en doorluchtig Franschman te beschouwen.
Het Liefdewerk van het St. Antonius-brood.
Te Brive zelve heeft dit zoo schoon en nuttig werk het
eerst een aanvang genomen. Arme werklieden, die aan
het klooster en andere gebouwen werkten, zouden brood-
gebrek geleden hebben, zoo de H, Antonius niet uit den
hemel, zijne religieusen en andere personen had opgewekt
-ocr page 38-
36                 LEVEN VAN DEN H. ANTONIUS VAN PADUA
in hunne behoefte te voorzien. Dit liefdewerk bestaat nog ;
om er deel aan te nemen, is het voldoende den P.Gardiaan
van het klooster te schrijven, en hem gebeden te vragen ten
einde door de tusschenkomst van den H. Antonius de gunst
te verkrijgen, welke men verlangt, terwijl men eene aalmoes
belooft voor het brood der armen, zoo de gunst verkregen is.
Een groot aantal kloosters hebben dit liefdewerk opge-
richt en daarvan wonderbare uitwerkselen verkregen. On-
der andere steden, te Toulon, waar juffrouw Bouffier eene
eenvoudige naaister in eene kleine bidplaats een beeld van
den H. Antonius heeft geplaatst, voor hetwelk dag en
nacht eene votieflamp brandt. Men vindt er twee bussen
voor hen, die er komen bidden, waarvan de eene de ver-
zoekschriften bevat, en de andere de aalmoezen voor de
verkregene gunsten. Deze giften vloeien zoo menigvuldig
dat men daarmede de arme kinderen der stad en omstreken
behoorlijk van tarwebrood kan voorzien, hetgeen Anto-
nius-brood wordt genoemd.
Het liefdewerk van het Antonius-brood bestaat hierin,
dat men, om de armen aan brood te helpen, eene aalmoes
geeft in ruil van de bizondere gunst, welke men den
H. Antonius heett gevraagd.
De wonderbare uitwerkselen van de bescherming van den
H. Antonius, de buitengewone gunsten en de verrassende
hulp, waarmede deze goede heilige zijne vereerders be-
gunstigt. hebben dit werk in korten tijd eene waarlijk aan
het wonderbare grenzende uitbreiding gegeven. Het is nu
opgericht in een groot aantal steden en parochiën van alle
streken van Frankrijk.
Ook in Nederland heeft men een begin gemaakt met dit
liefdewerk, en zijn alle geestelijken bereid, liefdegiften
voor dit doel te ontvangen, en ze ter eere van den H. An-
tonius voor het brood der armen te besteden. Ook de St.
Vincentius vereeniging waartoe de Uitgever dezes behoort,
ziet zich gaarne belast met die liefdegaven te ontvangen
en goed te besteden.
Moge dit liefdewerk zich hoe langer hoe meer uitbreiden
tot eer van God en den heilige, die boven allen zoozeer
is begunstigd, en van wien de Voorzienigheid zich zoo
gaarne bedient, om over hen, die hem aanroepen, hare
rijkste zegeningen uit te storten. Bij het eindigen van dit
werkje, geschreven met een dankbaar hart, ter eere van
den H. Antonius, smeeken wij hem, hetzelve te zegenen,
opdat door hetzelve, zijn eeredienst verbreid worde, en
velen hunne toevlucht tot hem mogen nemen.
-ocr page 39-
Bij den Uitgever dezes e verschenen
K. M. A. L. WULFINGH, Redemptorist
jj| cditatien van den j| ^Iphonsus jj[ aria de JFiguori
Opnieuw uit liet Italiaansch vertaald en gerangschikt
vu\'ir alle dagen van het jaar,
niet een Alphab K?^ist<.: 4 dln., UJer ruim 400 bladz.
Prijs : Ingenaaid ƒ6. — Gebonden in linnen ƒ 9. —
B. J. PlliRIK. S. J.
Verzameling van Teksten
lil de li. Schrift en do II. Vaders
ter vervaardiging van bidprentjes voor Overledenen.
Ingen. / 0.75. - (leb./ 1 —
H. J. A. COP.PENS
R. K. Pr, en Secretaris van /.. Ti. H. den Bisschop
van Haarlem
Be lessen, mijner Moeder
Godvruchtige Ondeirichtingen,
getrokken uit het lev en van de Allerheiligste Maagd Maria,
in 72 hoofdstukken, niet gebeden enz.
Prijs: Gebonden in linnen bandU f 0 93
______________________________________\'___________
W. VAN NIEUWENHOFF, S. J.
Leven van den H. Ignatius van Loyola
2 dln., tezamen 1000 bladz., met 2 platen.
Prachtige inhoud.
Prijs : Ingenaaid ƒ 6. - Gebonden / 8. —
EN TER PERSE
Ifflru \'/ai, iia I., Franciscus Xtvntal
APOSTEL VAN INDIEN EN JAPAN
Door W. VAN NIEUFHNHOFF, S. J.
met 1 plaat en kaart ongeveer 700 bladz. ƒ 4. —