-ocr page 1-
Per.
Vak 168
-ocr page 2-
-ocr page 3-
{ Pi\'
■Có \'4 4>JtiJoi
lAsW- . I i-M
-ocr page 4-
-ocr page 5-
at
*& j*. Jg-____-ia_____22,_____ia_____ü
■X"-.-■/■■■■ ?>\'* :
du
Koningin uan teu "ültrb. Jloieri^rnns.
Onderrichtingen,
Overwegingen en Gebeden
naar de meeniii£ van <>.H. Vader Leo XIN,
P. P h i 1. S e e b ö c k,
Ord. S. Kr.
Uit liet Duitsch vertaald
dooi
ö. cHi;j.6ojcu & Jl. cfuijniH
Kapelaans te Echt.
8>> •<*
Amsterdam-
— G. IJ O R G. -
5,                                1891.                                X
>.,^..J.,-......-J..„:..
- lümmn" Bibliotheek *■*
-ocr page 6-
Typis imprimi et divulgari
permittitur.
Ruremunu^, 18 Februarii 1891.
P. /. H. R USSEL, Can. Theol.,
Librorum Censor.
Eigendom van M. Waterreus, Roermond.
*
-ocr page 7-
Rentte rl)eel.
(öctoWSTtaauS.)
-ocr page 8-
-ocr page 9-
voorwoord.
—»«<--
ëltetgcen den Schrijver tot het samen-
ir stellen van dit werkje heeft aange-
spoord, is de alom klinkende stem van
onzen H. Vader, Leo XIII, welke in de
herleving der godsvrucht lot den H. Ro-
zenkrans zich overtuigd houdt van de
zedelijke vernieuwing der geloovigen,van
de schitterende zegepraal der Kerk, door
Maria\'s machtige voorspraak.
De Paus roept alle zijne kinderen ten
strijde en geeft hun als wapen den Ro-
zenkrans in de handen, een machtig wa-
pen, waarop alle machten en krachten
der wereld zich zullen verbrijzelen als
glas.
\'/ Is daarom dat door dit Rozenkrans-
doekje aan het christenvolk eette zoo vol-
ledig mogelijke verklaring wordt aange-
boden, over de kostbare schatten van
genaden, welke in het Rozenkransgebed
besloten zijn.
-ocr page 10-
4                         Voorwoord.
Het eerste deel — met het oog op de 31
Octoberdagen
—■ beschouwt de devotie tot
den H. Rozenkrans als cene alles omvat-
tende, slichtende, echt-christelijke gods-
vrucht.
Het tweede deel bevat: Overwegingen
over de
15 Geheimen van den H. Rozen-
krans, alsmede eenige Onderrichtingen
over de H. Mis en Communie.
Het derde deel is cene verzameling van
Gebeden ter eer e van Maria, de Koningin
van den H. Rozenkrans.
O liefdevolle Koningin van den H. Ro-
zenkrans, gewaardig U dit boekje welge-
vallig aan te nemen; zegen dcszelfs vrome
lezers, alsook al uwe trouwe vereerders.
"px% 0. J&. Tfr. jPoo&Brfai, 1889.
ê
-ocr page 11-
T T TT T T TTT TT T TT TTT T T TTTT T T
1 OCTOBEE.
(Stati. 3e icfvoovi^te o8&hv3, de
schoonste
ófCsatw.
Hoe schoon zijt Gij, mijne
vriendin, hoe schoon zijt Gij !
Hooglied. 4. 1.
f/fs&p den eersten dag der maand, toe-
>^| gewijd aan de verhevene Koningin
van den H. Rozenkrans, begroeten wij
Maria, onze lieve Moeder, met de woor-
den des H. Geestes: %Hoe schoon zijt
Gij, mijne vriendin, hoe schoon zijl Gij!"
en vereeren Haar, als de schoonste Bruid,
met den schoonsten bloemenkrans, met
het echt christelijk gebed van den
H. Rozenkrans.
1. de schoonste bruid wordt Maria
genoemd door alle leeraars der Kerk
en door al hare groote vereerders.
De H. Bonaventura prijst Haar als
>de schoonste Bruid des H. Geestes;"
-ocr page 12-
6 Maria als Rozenkranskoningin
de H. Bernardinus van Siéna als »de
Bruid der Drievuldigheid;"
Richard van
St. Victor, als tde Bruid aller bruiden"
en de H. Gregorius van Nicomedié
spreekt Haar toe: *0 schoonheid aller
^schoonheden, uitverkorene Moeder van
>God, Gij sieraad aller schoone dingen!"
En inderdaad, ons heilig geloof wijst
ons op eene drievoudige schoonheid in
Maria.
i. De schoonheid der genade.
2.  De schoonhied van haar leven.
3.  De schoonheid harer verheerlijking.
I. De schoonheid der genade!
De heerlijkste stralen der goddelijke
genadezon vloten in haar zuiver hart
te zamen, vóór allen echter de straal
harer Onbevlekte Ontvangenis. Zij is
die Esther op wie het bevel des doods
niet toepasselijk was: ->Gij zult niet
sterven, want deze wet is gemaakt voor
allen, doch niet voor u."
1)
Zij is als de ceder, *die opgroeide op
den Libanon, als een palmboom in Kades,
als een rozenstruik in Jericho.
2) Zij is
1)  Esliter IS- 3-
2)  (Eccl. 24. 17),
-ocr page 13-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 7
de ark op den berg van Armenië, hoog
verheven boven de wateren van den
zondvloed; de gesloten tuin, tot welken
de slang geen toegang had, de verze-
gelde bron, waarin niets onreins gevon-
den werd.
In hare onbevlekte Ontvangenis was
Maria reeds een volmaakt evenbeeld der
goddelijke schoonheid; toen reeds glansde
Zij aan den hemel als een fonkelende
ster van den eersten rang, op wier ver-
blindenden luister, de Engelen en Aarts-
engelen verwonderd nederzagen.
Voegen wij hierbij het voorrecht van
haar goddelijk Moederschap! Hoogere
eer, grootere waardigheid kan Maria niet
ten deel vallen. God, zegt de H. Bo-
naventura, »kan een grootere wereld,
een schooneren hemel scheppen, maar
eene grootere, heerlijker Moeder, dan
de Moeder Gods, kon Hij niet voort-
brengen." \'t Is daarom, dat de Evan-
gelisten geen melding maken van Ma-
ria\'s grootheid, omdat hare verhevenheid
onuitsprekelijk is; \'t was voldoende van
Haar te zeggen: tMaria, uit welke Je-
zus geboren is, die genoemd wordt Chris-
tus"
Al het schoone en heerlijke, dat
-ocr page 14-
8 Maria als Rozenkranskoningin
zich laat zeggen of uitdenken, is bevat
in de woorden: Moeder van God.
Hierbij komt nog de straal harer on-
geschonden maagdelijkheid. »Z/V, eene
* Maagd\'zalontvangen en een zoon baren."
Altijd bleef Maria rein en onbevlekt;
de glans van hare maagdelijke schoon-
heid bleef in vollen luister schitteren
tot aan haar laatsten ademtocht.
O Maria! Hoe schoon zijt Gij in Gods
oogen! Werp van uit den hoogen hemel
waar Gij troont, een barmhartigen blik
op mij neder, en heb medelijden met
mijne arme ziel.
II. De schoonheid van haar leven.
Eenparig erkennen de H. Vaders en de
leeraars der Kerk, dat Maria op het
eerste oogenblik harer Onbevlekte Ont-
vangenis meer genaden van God heeft
ontvangen, dan alle Heiligen en uitver-
korenen tot aan het einde hunner aard-
sche loopbaan verzameld hebben.
Deswege groet Haar de Engel: i Wees
■*gegroet^ Gij vol van genade."
Daarom
past onze H. Kerk, op Maria toe, deze
woorden der H. Schrift: *Bij mij is
-ocr page 15-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 9
talk genade." 1)
God heeft derhalve alle genaden, die
een schepsel ontvangen kan, neergelegd
in het vlekkelooze Hart van Maria en
de allerheiligste Maagd heeft steeds, met
alle getrouwheid en volharding, met deze
genaden medegewerkt.
Niet belemmerd door de gevolgen der
erfzonde, waaronder alle, ook de heilig-
ste menschen, gebukt gaan, schreed Zij,
met steeds vuriger ijver voort op den
weg der heiligheid, vandag tot dag, van
uur tot uur, van oogenblik tot oogenblik.
Welk een schoon leven moet dan niet
Maria\'s leven geweest zijn, zoo rijk aan
de verhevenste deugden, aan de edelste
werken!
Van af de grondvesting der wereld
tot aan haar ondergang, aanschouwt
Gods oog geen schepsel, dat een zoo
schoon leven leidt, als Maria
Verheugen wij ons, eerse zoo schoone
Moeder te bezitten en smeeken wij Haar:
O Maagd der maagden, die van het
eerste oogenblik uws levens onbevlekt,
rein en schoon waart voor God, erbarm
U onzer, die niet alleen met de erfsmet
1) Eccl. 24, 25,
-ocr page 16-
io Maria als Rozenkranskoningin
geboren zijn, maar ook nog na het
H. Doopsel onze ziel met zonde be-
vlekt hebben.
III. De schoonheid harer verheerlijking.
De sterrenbanen kunnen gemeten, de
diepte der zeeën kan gepeild worden,
Maria\'s heerlijkheid te doorgronden,
schijnt eene onmogelijkheid. De glans
harer glorie schiet zijne stralen uit over
den ganschen hemel; haar troon is ver-
heven boven de tronen der Engelen en
Heiligen; hare kroon overstraalt de
kronen der gelukzaligen; haar konings-
kleed schittert in een licht als van dui-
zend zonnen; Zij is de vrouw, die ge-
kleed met de zon, de maan onder hare
voeten heeft en op haar hoofd eene
kroon van twaalf fonkelende sterren
draagt.
Hoe schoon derhalve is Maria! Ü ! ver-
blijd u hierover, en eer Haar met allen
ijver, die een kinderlijk hart kan be-
vatten.
Streef er bijzonder naar, haar schoon
leven na te volgen; de zonde te ver-
mijden, en de deugd te beoefenen;
dan zult gij eens waardig bevonden
-ocr page 17-
en het Rijk harer Barmhartigheid. II
worden, de groote heerlijkheid der Moe-
der Gods, de onvergelijkelijke schoon-
heid der Bruid des H. Geestes met
eigen oogen eeuwig te aanschouwen.
O zoete Maagd, o heilige Moeder des
Heeren! Het komt mij voor. als moest
ik nog duizenden jaren op aarde door-
brengen, zoozeer verlang ik uwe hemel-
sche schoonheid te aanschouwen, om U
meer te beminnen, U meer te prijzen.
O trek mijn hart tot U, Gij schoonste
spiegel van den Drieëenigen God en
verbreek alle banden, die mijne ziel
nog aan deze aarde hechten.
II. Aan Haar, die onder allen de
schoonste en heiligste is, zij ook de
schoonste krans gewijd.
Als Koninginne van alle Heiligen is
haar hoofd gekroond met een diadeem
van fonkelende sterren; als overwinna-
res der hel dragen hare handen den
palmtak der zegepraal; zoo heeft de
hemelsche vader Haar verheerlijkt in
zijn rijk.
Welken krans zullen wij dan Maria
aanbieden ?
De bruid in het Hooglied verlangt
-ocr page 18-
12 Maria als Rozenkranskoningin
bloemen: » Verkwikt mij met bloemen"\\i)
ook ter eere van de Bruid des Hemels
zullen wij bloemen vlechten tot een krans;
doch welke zijn Haar het aangenaamst ?
De H. Bonaventura noemt Maria
leene liefelijke lenteroos;" de godvree-
zende Blosius: * cene van liefde brandende
roos:"
de H. Bernardus: teene witte roos
daar hare maagdelijkheid, eene roode
roos door haren liefdegloed;"
de H.Jo-
annes Damascenus: ->eene onverwelke-
lijke roos"
ja, een rozentuin des H. Gees-
tes, die den heerlijksten geur
verspreidt.
Om deze reden, wijdt onze H. Kerk
aan de H. Moeder des Heeren, als aan
de schoonste Bruid van den Drieéeni-
gen God, den H. Rozenkrans toe, en
roept zij de machtige voorspraak in
van de Hulp der Christenen: Koning-
inne van den allerheilig sten Rozenkrans,
bid voor ons!
i) (2, s.)
-ocr page 19-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 13
2 OCTOBEB.
©c <xttevneitia>tc Sloae\'nkzan* -wit
de eezitc -A.a«3.
»Ik zal u de kroon des levens geven,"
Openb. 2. 10.
$aa|e H. Dionysius was eens zoo ge-
vjgf lukkig de heilige Maagd Maria te
zien, toen zij nog op onze aarde leefde
en hij beschrijft ons de gevoelens, die
op dat zalig oogenblik zijn hart over-
stelpten. »Toen ik het aanschijn uwer
allerheiligste Moeder aanschouwde, o
Eeuwige God, ware ik zonder twijfel op
mijne knieën neergevallen en had Haar
als eene Godheid aanbeden, indien uwe
heilige leer mij niet bewaard hadde.
Eene zoo groote majesteit lag op haar
heilig wezen verspreid, zulke goddelijke
stralen schoten uit deze verhevene ver-
schijning, dat het mij voorkwam, reeds
de eeuwige gelukzaligheid te genieten,
en dat de bovennatuurlijke aanschouwing,
de zaligheid der Engelen, geene groo-
tere heerlijkheid kon schenken."
Gelooven wij gaarne dezen eersten
-ocr page 20-
14 Maria als Rozenkranskoningin
Bisschop van Athene, dat Maria in
schoonheid en beminnelijkheid ook de
heerlijkste Engelen overtreft, en beant-
woorden wij daarom de vraag: waarom
wij met geen luisterrijker krans haar
maagdelijk en koninklijk Hoofd kunnen
kronen, dan met den heiligen Rozenkrans?
Deze krans is de schoonste, want hij
is gevlochten door de schoonste handen,
namelijk door de handen van Maria en
door de handen der H. Kerk.
Maria is Jezus\' Moeder; de Kerk is
Jezus\' Bruid.
Is het nu mogelijk, schoonere handen
te vinden, dan de handen van de Moe-
der en van de Bruid van Gods Eenig-
geboren Zoon?
I. MARIA\'s HANDEN HEBBEN DEN EER-
STEN ROZENKRANS GEVLOCHTEN.
Zij heeft het eerst dit gebed geleerd aan
haren getrouwen dienaar deH.Dominicus.
Handen en oogen ten hemel verheven,
ligt Dominicus geknield in een afgele-
gen woud, bij Toulouse.
Zuchtend wendt hij zich tot de Moe-
der der genaden en smeekt Haar vurig,
haren barmhartigen blik te richten op
-ocr page 21-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 15
de vele misleide zielen en deze te red-
den van het eeuwig verderf. Om zich
de krachtige voorspraak van Maria
waardiger te maken, kastijdt bij gedu-
rende drie dagen zijn lichaam door vasten
waken en andere boetedoeningen zoo-
zeer, dat hij eindelijk uitgeput ter aarde
valt. Alsdan verschijnt hem de glorierijke
Hemelkoningin met groote pracht en
heerlijkheid. Haar aangezicht schittert
als de aanbrekende lente; haar woord
klinkt als de stem, die den schipbreu-
kelinge redding, den uitgeputten soldaat
de overwinning aankondigt.
iDominicus, mijn innig geliefde zoon,"
zoo spreekt ze hem toe, »wijl gij vol-
gens het verlangen van mijnen Zoon,
en vertrouwend op mijn bijstand, zoo
dapper en onvermoeid de vijanden der
Kerk bestreden hebt, ben Ik gekomen,
om u help en bijstand te verleenen."
De hoogste Koningin van hemel en
aarde was begeleid door drie andere
koninginnen, en ieder van deze had
vijftig edele jonkvrouwen in haar gevolg.
Deze drie koninginnen richtten den
nog machteloos ter aarde liggenden
H. Dominicus op, en voeren hem voor
-ocr page 22-
i6 Maria als Rozenkranskoningin
Maria. De Moeder Gods drukt haren
dierbaren zoon aan haar moederhart
en na hem met hemelschen troost en
de kracht Gods vervuld te hebben, ver-
klaart zij den Heilige de manier, waarop
de Rozenkrans moet gebeden worden,
alsook de waarde, het nut en de kracht
van dit gebed. »Gij weet, mijn zoon"
zoo gaat de H. Maagd voort, «welke
middelen God heeft aangewend om het
menschdom te verlossen. Het eerste was
de Boodschap van den Aartsengel; dan
volgde de geboorte en het leven van
Jezus, daarop zijn bitter lijden en schan-
delijke dood, zijne verrijzenis en He-
melvaart.
Door deze middelen werd de wereld
verlost en de hemel geopend. De ge-
heimen van het leven en lijden van
Christus, verbonden met het Gebed des
Heeren en de Engelsche groetenis, zijn
mijn Rozenkrans; ga nu en leer dit ge-
bed aan de afvalligen en het zal \'t be-
gin zijn hunner bekeering."
Verheugd en getroost ijlt de heilige
naar Toulouse.
Hij nadert de stad. Daar beginnen
op eens alle klokken in de kathedraal
-ocr page 23-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 17
te luiden. Alle arbeid wordt gestaakt,
en allen snellen tempelwaarts. Eenigen
klimmen in den toren, tot bij de klok-
ken, maar vinden niemand, die aan de
klokken trekt.
De H. Dominions bestijgt den kansel.
Zijne oogen schitteren van een heilig
vuur, zijn voorhoofd is van een straal-
krans omgeven, heilige geestdrift spreekt
uit geheel zijn wezen.
Zóó predikt de Heilige den Rozen-
krans, vermaant het volk met aandrang
het H. Rozenkrans-gebed dikwijls ten
hemel op te stieren, omdat deze bede,
hem door Maria geleerd, de duivelen
ontstelt, de Engelen verblijdt, het Hart
der Moeder Gods tot de teederste liefde
beweegt en der aarde vergeving en heil
verschaft.
De ketters knarsetanden van woede,
ballen de vuisten, stormen de kerk uit
en beramen het plan, de vermetelheid
van Dominicus te straffen.
Maar God zal den Heilige bijslaan:
Hij spreekt door de stem van een vree-
selijk onweder. Krachtige donderslagen
volgen snel op elkander, bliksemschich-
ten doorklieven aanhoudend het donkere
2
-ocr page 24-
i8 Maria als Rozenkranskoningin
zwerk, de wind huilt, de aarde beeft,
de hemel hult zich in de akeligste
duisternis.
Het groote beeld van Maria hief
meerdere malen de \'rechterhand op en
scheen te zeggen: j>Zoo gij den Heilige
niet hooren en volgen wilt, zult gij allen
te gronde gaan."
Geen wonder, dat bij dit alles de inwo-
ners van Toulouse sidderen en beven. Zij
vallen op de knieën, slaan op hunne
borst, bekennen hunne schuld, beloven
zich te bekeeren, en bidden vurig tot
Maria.
Deze bekeerden, deze nieuwe kinderen
Gods, vormden de eerste Broederschap
van den H. Rozenkrans, baden ijverig
dit schoone gebed, dat zij vereerden als
een geschenk, ontvangen uit de handen
van de Koningin des Hemels. Het was
in het Jaar der genade, 1202.
II. OOK. DE HANDEN DER H. KERK
VLECHTEN DEN ROZENKRANS.
De H. Katholieke Kerk, die alles wat
edel en goed is, onder hare bescherming
neemt, behartigde steeds met allen ijver
de godsvrucht van den H. Rozenkrans,
-ocr page 25-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 19
en stelde zich ten taak, dit christelijk
gebed alom te doen kennen en beoefenen.
Weldra ontstaan er onder hare leiding
in steden en dorpen godsdienstige ver-
eenigingen, om gezamenlijk den Rozen-
krans te bidden, waardoor de grondslag
werd gelegd van de Broederschap van
den H. Rozenkrans, door de Kerk be-
gunstigd en goedgekeurd.
De eerste plechtige goedkeuring werd
verleend door Paus Alexander IV, den
5 Mei 1258.
Ook opent de Kerk hare genadeschat-
ten en verleent de menigvuldigste aflaten
aan het bidden van den Rozenkrans.
De opperste Herders der Kerk gaan
de geloovigen voor en schrijven hunne
namen in het register der Broederschap.
Van af Alexander IV tot onzen Hei-
ligen Vader Leo XIII. (van 1258—1888)
tellen wij 216 pauselijke bullen, brieven
of uitspraken, door den H. Apostolischen
stoel gegeven ten gunste van den H. Ro-
zenkrans en de Broederschap,
De Rozenkrans is dus gewis een
schoone krans, gevlochten door de
schoonste handen, de handen van de
Moeder en de handen van de Bruid
-ocr page 26-
2o Maria als Rozenkranskoningin
van onzen Heer Jezus Christus.
Jezus\' Moeder heeft hem aan de we-
reld bekendgemaakt; Jezus\' Bruid heeft
deze godsvrucht verspreid, begunstigd
en aanbevolen. Keizers en koningen,
vorsten en graven, Pausen en bisschop-
pen, priesters en leeken, veldheeren en
soldaten, rijken en armen stellen er
eene eer in den rozenkrans te dragen,
welks koralen niet zelden uit goud, zil-
ver, kostbaar gesteente zijn vervaardigd,
uit hoog-achtenden eerbied voor het
gebed van Maria.
Kind van Maria! laat uw rozenkrans
in goud glanzen door uwe vurige gods-
vrucht tot Maria, wierteedere moederliefde
gij door dit schoonste gebed zult gewin-
nen. Gij groet Haar, als de gezegendste
onder alle vrouwen als de genadevolste
onder alle dochters van Eva, als de
Moeder van onzen Goddelijken Verlosser
als de Koningin des Hemels!
Gij eert Haar wegens de verhevene
deugden, waardoor zij geworden is de
Koningin van den H. Rozenkrans. Stel
er uwe vreugde en uw geluk in, door
het Rozenkransgebed, steeds welgeval-
liger te worden aan uwe H. Moeder;
-ocr page 27-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 21
want hare liefde is meer waard dan de
liefde van alle menschen en van alle
Engelen.
ü Maria! mijn Moeder! Moeder mij-
ner ziel! Gij die, na God, mijne eeu-
wige zaligheid vuriger wenscht dan elk
ander, toon dat Gij mijne Moeder zijt.
Geef, mijne goede Moeder, dat ik steeds
aan U denke. (H. Alphonsus.)
3 OCTOBEE.
tyVa.az.om iievotdeit de 3C. óKcifi
z>oo2>cei 2c qcd*viucM tot de
7t. «ÜcizcnkzaH.>ltotHiiaiH?
Koningin van den allerheiligsten
Rozenkrans, bid voor ons.
&f?\\\'lE ZICH VERNEDERT, ZAL VERHEVEN
VJgg WORDEN.
Na Gods Eenigen Zoon heeft zich
op aarde niemand zoo diep vernederd,
als zijne maagdelijke Moeder Maria, de
nederige dienstmaagd des Heeren; zoo-
wel, dewijl geen mensch ooit door God
zoo hoog in waardigheid verheven is,
-ocr page 28-
22 Maria als Rozenkranskoningin
dat hij vermocht zich zoo diep te ver-
nederen, als ook, omdat geene ziel een
zoo volmaakten graad van ootmoedig-
heid bereikt heeft, als het nederige hart
van Maria.
Deswege heeft God de Meer, van uit
den hooge neergezien op de nederigheid
zijner dienstmaagd, en haar reeds op
aarde, door de volheid zijner genaden
boven Engelen en menschen verheven,
en in den hemel Haar gekroond als
Koningin aller Heiligen.
Daarom ook vestigt de gansche chris-
tenheid hare blikken op Maria, legt hare
belangen, hare zorgen, hare beden voor
Maria\'s troon neder, en roept Haar aan
met een kinderlijk vertrouwen: Konin-
gin van den allerheiligsten Rozenkrans,
bid voor ons!
De H. Kerk ijvert zoozeer voor de
godsvrucht van den H. Rozenkrans,
omdat dit verheven gebed alle kinderen
der Rozenkrans-Koningin met een drie-
voudigen band vereenigt,
I.   Met den band des geloofs.
II.  Met den\' band der hoop.
III.  Met den band der liefde.
-ocr page 29-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 23
I MET DEN BAND VAN HET ÉENE WARE
GELOOF.
>De rechtvaardige leeft uit geloof"
zegt de H. Paulus, want het geloof is
de grondslag aller deugden. De H. Kerk
die alleen en altijd de leermeesteres
die heils is, aan wie Gods licht is toe-
vertrouwd, die de zevenarmige kandelaar
is, welke het licht van Christus draagt,
zij zorgt steeds met onvermoeiden ijver,
om het geloof in de harten harer kin-
deren te sterken en te vermeerderen.
Een allergeschikst middel daartoe is
het heilig rozenkransgebed.
Immers. 1. De Apostolische Geloofs-
belijdenis staat aan de spits van den
Rozenkrans, als de oudste oirkonde van
onzen heiligen godsdienst, waardoor wij,
met alle geloovigen der vroegere eeuwen,
het geloof der Apostelen openlijk be-
lijden.
In de eerste tijden des Christendoms
was deze heilige geloofsbelijdenis als het
wachtwoord der leerlingen van J. Chr.
die zich hieraan erkenden 0111 toegelaten
te worden in hunne vergaderingen.
Wanneer ook gij dagelijks dit gebed
verricht, zal het u ook, in uwd^oi-
-ocr page 30-
24 Maria als Rozcnkranskoningin
strijd, een sleutel zijn om het rijk der
hemelen te openen.
2.  Het * Onze Vader" is het gebed
des Heeren; dat wil zeggen: zóó heeft
Jezus zelf gebeden, zóó heeft Hij ons
leeren bidden.
Daarom doordringt dit gebed de wol-
ken, stijgt ten hemel op tot boven de
engelentronen, verheft den geest tot
God en vereenigt de ziel met haren
schepper. Het overtreft alle gebeden
der Heiligen, alle liefdeverzuchtingen
der godvreezende zielen, vereenigt in
zich de voorzeggingen der Profeten en
de zoetvloeiende woorden der psalm-
zaügen.
Gelukzalig degene, die alle woorden
des Heeren, de gulden woorden van het
»Onze Vader" overweegt!
3.  Het » Wees gegroet" de Engelsche
groetenis, gemaakt onder de ingeving
des H. Geestes, vereenigt alle kinderen
der H. Kerk in één band des geloofs
in Jezus Christus, Gods Eeniggeboren
Zoon en in zijne maagdelijke, genade-
volle Moeder, verleent hun de bijzondere
bescherming des Hemels in alle gevaren
-ocr page 31-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 25
van lichaam en ziel en maakt hen aan
menigvuldige genaden deelachtig.
4.  Eere zij den Vader, den Zoon en
den II. Geest:
hierdoor leggen wij plech-
tig de belijdenis af van ons geloof in
den Drieeenigen God, in het geheim
der Aanbiddelijke Drievuldigheid, de
hoofdwaarheid van het Christendom; en
tegelijk van onze opdracht aan God en
aan zijne Eeuwige liefde.
5.  Daarna bidt men: De HH. Namen
van Jezus, Maria en Joseph zijn geze-
gend van nu af tot in eeuwigheid;
wij
vereeren hierdoor de drie heiligste Per-
sonen, die ooit op aarde geleefd hebben;
het heilig Huisgezin van Nazareth,
waarop de Hemel met welgevallen ne-
derzag, en voor de wereld het heerlijkste
voorbeeld blijft van deugd en heiligheid,
van trouwe plichtsbetrachting, van vrede
en liefde, van het ware geluk.
6.  De vijftien geheimen, die bij elk
tientje overwogen worden, bevatten in
het kort de verheven leer van ons
H. Geloof, de vernedering en de ver-
heerlijking van Onzen Heer Jezus Chris-
tus, zijne schitterende zegepraal en de
stichting der H. Kerk.
-ocr page 32-
2f> Maria als Rozenkranskoninnin
\'l Is daarom, dal wij den rozenkrans
kunnen noemen: lul geloofsboek der
Kerk en van alle goede Katholieken.
De band van het alléén zaligmakend
geloof vereenigt door dit gebed allen
met elkander en met hunne hemelsein:
Moeder, de Koningin van den allerhei-
ligst en Rozenkrans.
II. Dl\'. IJANIl OI\'.U ZAI.IGSTK HOOP.
Onze Goddelijke Leermeester Jezus
Christus heeft ons over het gebed, wil
is waar, de volgende woorden toege-
sproken: «Wanneer gij bidt, ga in uwe
«binnenkamer, en de deur gesloten heb-
ibende, bid uwen Vader in het verbor-
«gen: en uw Vader, die in het verborgene
«ziet, zal het il vergelden." i) Hij heeft
ons echter ook gezegd: «Indien er twee
«van u op de aarde saniensteinmen,
«voor welke zaak gij ook moge bidden,
«liet zal hun geschieden van Mijnen
«Vader, die in de Hemelen is. Want
«waar er twee of drie in Mijnen naam
«vergaderd zijn, daar ben ik in hun
«midden." 2)
1) Mnlth, VI, (1,
-j) Matth, XVIII, 19, 20,
-ocr page 33-
en lid Kijk harcr barmhartigheid. 27
Het gemeenschappelijk gebed is der-
halve de krachtigste bede, om genade
van den hemel te erlangen. De rozen-
krans nu is bijzonder geschikt voor een
gezamenlijk gebed.
Hoe stichtend, hoe schoon, hoe tref-
fend, als eene gansche kerk, een gansch
huisgezin, eene gansche processie van
kinderen, jongelingen, jongedochters, man-
nen, vrouwen en grijsaards een smeek-
gebed opzendt tot de heilige Rozenkrans-
Koningin, en door Haar tot de aller-
heiligste Drievuldigheid! I!ij dit gebed
opent zich de hemel en stort zijne over-
vloedige zegeningen uit over de bidden-
de schare van geloovigen en allen zullen
niet den Koninklijken Profeet blijde er-
kennen : »Op c/, o lieer, heb ik mijn
% betrouwen gesteld, l<i<>t »\'ij nimmer be-
tschaamd worden."
1)
III. DE BAND DER HEILIGE LIEFDE
vereenigt alle kinderen der Kerk door
hat rozenkransgebed. Immers zij bidden
niet voor zich alleen, maar een bidt
voor allen, en allen bidden voor éénen.
Jezus, wiens Goddelijk Bloed de gansche
1) I\'s, 70,
-ocr page 34-
28 Maria als Rozcnkranskoningin
wereld verloste, heeft ons geleerd te
bidden in naam van allen: onze Vader,
ons toekome uw rijk, geef ons heden,
vergeef ons, verlos ons, enz.
Op deze wijze beoefenen wij die
schoone deugd, waardoor wij ons als de
ware leerlingen van Jezus doen kennen:
de christelijke naastenliefde, en daarom
bevordert onze H. Kerk zoozeer de
godvruchtige oefening van den Rozen-
krans, dewijl zij wenscht dat al hare
kinderen zalig worden.
De christelijke liefde echter over-
schrijdt de grenzen dezer aarde en ves-
tigt ook hare blikken op de lijdende
broeders in het vagevuur, door den ro-
zenkrans smeeken wij voor hen af, ge-
nade en vergeving, barmhartigheid en
verlossing door het kostbaar bloed onzes
Verlossers en de machtige voorspraak
zijner lieve Moeder Maria.
O Maria, mijne goede Moeder, wier
bede door God steeds verhoord wordt!
Door de liefde welken Gij Uwen God-
delijken Zoon toedraagt, verkrijg mij de
genade, dagelijks den H. Rozenkrans
godvruchtig te bidden, en in dit schoon
en kjachtig gebed des geloofs, der hoop
-ocr page 35-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 29
en der liefde, tot aan mijn dood te vol-
harden. Amen.
4 OCTOBEE.
3fct QVaccn dei cRozenfiiamfio-
nlnain.
^JC\'it, tood en gou?.
i-^Poen Maria nog leefde op aarde, werd
t^iK zij eens, zoo verklaart eene vrome
legende, met haar Goddelijk Kind en
den kleinen Joannes den Dooper, in
het hemelsche paradijs opgenomen.
De H. Maagd zette zich neder aan
den oever eener kristalheldere beek,
omzoomd met de lieflijkste en geurigste
bloemen.
Jezus en Joannes wandelden in stille
vreugde langs den oever en onderhielden
zich over hemelsche zaken.
Legioenen van Engelen volgden de
kleinen op hunne schreden, bereid hen
in alles te dienen.
Jezus beval hun rozen te plukken,
welke in de grootste verscheidenheid
en wondervolle pracht allerwegen bloei-
-ocr page 36-
30 Maria als Rozcnkranskoningin
den; en de Engelen plukten witte, roode
en geele rozen die zij in een korfje
het goddelijk Kind aanboden.
Jezus en Joannes vlochten toen kran-
sen van deze rozen; één van rozen wit-
ter dan sneeuw; een ander van roode,
die in purpergloed schitterden; een
derde van gele, welke glansden als het
zuiverste goud.
Jubelend ging Jezus nu naar de
H. Maagd en de Eeniggeboren Zoon
des Vaders kroonde met deze rozen-
kransen het hoofd zijner H. Moeder.
Maria, de nederigste onder de nederigen,
wilde deze eerbewijzing niet aannemen,
en gaf tot driemaal toe de bloemen
terug aan haar lieven Jezus, die telkens
echter zijne Moeder op nieuw kroonde.
Versierd en gekroond met deze hemel-
schoone bloemen, nam zij Jezus in hare
armen, en tranen van zalige vreugde
rolden langs hare wangen.
Kind en dienaar van Maria! Ook gij
kunt aan uwe hemelsche Moeder wel-
riekende rozen aanbieden, welke hare
teedere moederhand niet liefde zal aan-
nemen, door het echt christelijk gebed,
dat wij den rozenkrans noemen. Sneeuw-
-ocr page 37-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 31
witte rozen offert gij aan de Moeder
des Heeren, als gij bij het bidden van
den rozenkrans de vijf blijde geheimen
overweegt, de vijf groote vreugden, door
God aan haar zuiver moederhart ge-
schonken.
I. DE IIOODSCHAP DES ENGET.S.
De eerste witte roos der vreugde
was de boodschap des hemels aan Ma-
ria, dat zij de uitverkorene Moeder zou
worden van den lang beloofden en ver-
wachten Messias.
In hare nederige woning verschijnt
de Gezant des Heeren en spreekt tot
de reinste der Maagden: 1 Vrees niet^
* Maria\', want gij hebt genade
gevon-
»den bij God. Zie, gij zult in uwen
«schoot ontvangen en eenen Zoon baren
»en zijn naam zult gij Jezus noemen."
»En Maria zeide: Zie de dienstmaagd
»des Heeren, mij geschiede naar uw
»woord." 1)
Op dit plechtig oogenblik daalde de
Zoon van den Eeuwigen Vader neder
in den schoot der vlekkelooze Maagd;
1) Luc, 1, 31,
-ocr page 38-
32 Maria als Rozenkranskoningin
werd haar kind, en zij verkreeg over
Hem alle voorrechten eener moeder.
Welk een zalige vreugde zal het heilig
Hart van Maria hebben doen kloppen,
toen zij verheven werd tot de waardig-
heid van Gods Moeder en de tweede
Persoon der Aanbiddelijke Drievuldig-
heid de menschelijke natuur aannam in
haar maagdelijk lichaam.
De tweede witte roos was het bezoek
van Elisabeth, hare nicht.
sEn Maria, in die dagen, stond op,
>en reisde met haast naar het gebergte
snaar eene stad van Juda; en zij kwam
»in het huis van Zacharias en groette
j Elisabeth."
»En Elisabeth werd vervuld met den
» Heiligen Geest en zij riep met luide
»stemme en sprak: Gezegend zijt Gij
ionder de vrouwen, en gezegend is de
> vrucht uws lichaams! En van waar
jgeschiedt mij dit, dat de Moeder mijns
»Heeren tot mij komt!" i)
Wat een vreugdevol oogenblik voor
Maria, te vernemen, dat de Heer het
groote geheim van haar goddelijke Moe-
derschap aan hare nicht reeds geopen-
i Luc, i, 41,
-ocr page 39-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 33
baard had, en deze Haar met open
armen en met de hartelijkste bewijzen
eener heilige liefde in haar huis ontving.
De derde witte roos was Jezus\' Ge-
boorte.
«En zij baarde haren Eerstgeboren
«Zoon en wond Hem in doeken, en
«legde Hem in eene kribbe, omdat ervoor
«hen geene plaats was in de herberg." 1)
Thans ziet Maria de belofte van God
vervuld; zij ziet voor hare oogen den-
gene, dien de volkeren zoo reikhalzend
verwachtten; zij ziet de helsche geesten
van het aardrijk verdwijnen, en de zegen
des hemels in de rijkste mate over de
wereld uitgestort!
Met een gevoel van onuitsprekelijke
gelukzaligheid drukt zij het Jezus Kind
aan haar Moederhart en besproeit het
met tranen der zaligste vreugde.
De vierde witte roos was de opdracht
van Jezus in den tempel.
«En als de dagen harer zuivering,
«naar de wet van Mozes, vervuld waren,
«brachten zij Hem naar Jerusalem, om
«Hem den Heere voor te stellen: zoo
1) Lnc, II, 7,
3
-ocr page 40-
34 Maria als Rozcnkranskoningin
»als geschreven staat in de wet des
»Heeren: alle eerstgeborene van het
«mannelijk geslacht, zal den Heere hei-
»lig genoemd worden; en om offerande
»te geven, naar hetgeen geboden is in
»de wet des Heeren, een paar tortel-
»duiven of twee jonge duiven." i)
Door den Geest Gods geleid, ver-
schijnt nu de grijze Simeon in den tem-
pel, neemt het Goddelijk Kind in zijne
armen en voorzegt wonderbare dingen
van den Verlosser der wereld.
Voor Maria\'s oogen werd toen de
toekomst ontsluierd; zij zag de oneindig
heerlijke vruchten, welke het bloedige
Offer van Haren Zoon voor alle ge-
slachten zou voortbrengen, en een zoete
troost vervulde hare schoone ziel.
De vijfde witte roos was de weder-
vinding van het verloren Kind in Jeru-
salem.
>En het geschiedde, na drie dagen,
»dat zij Hem in den tempel vonden
»zitten, in het midden der leeraars, hen
«hoorende en hen ondervragende." 2)
Met eene smart, die hare ziel als met
1) Luc, ir, 22,
1) Luc, II, 45,
-ocr page 41-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 35
een zwaard doorboorde, had Maria ha-
ren Jezus verloren op de terugreis van
Jerusalem. Drie dagen had zij Hem
onder tranen gezocht en eindelijk, weer-
gevonden in den tempel.
Wat een troost voor Maria, Jezus
terug te vinden, haar Zoon, haar licht,
hare troost, hare liefde, haar alles!
Op eene gees.telijke wijze kronen wij
onze hemelsche Moeder roet deze vijf
witte rozen telken male, als wij in het
Rozenkransgebed de vijf blijde geheimen
herdenken.
Wilt ook gij niet aan Maria, de Ko-
ningin van den H. Rozenkrans, deze
vijfvoudige vreugde bereiden?
Een jeugdige ordebroeder van den
II. Franciscus bad eens in zijne cel den
rozenkrans met de levendigste gevoelens
van diepe godsvrucht.
De overste zond een anderen broeder
tot hem met eene boodschap, deze ech-
ter vond de cel van zijn medebroeder
schitterend verlicht; hij zag met verba-
zing de Allerheiligste Maagd voor den
jongeling als op een troon nedergezeten,
omgeven van eene menigte Engelen.
Zoo menigmaal de heilige kloosterling
-ocr page 42-
36 Maria als Rozenkranskoningin
een «Wees gegroet" bad, ontsproot zijn
mond een heerlijke roos, welke de En-
gelen in hunne handen namen om er
het hoofd hunner Koningin mede te
kronen.
Bij het einde van den Rozenkrans
verdween de verschijning.
Kind en dienaar van Maria, uw En-
gelbewaarder zal hetzelfde werk ver-
richten, als gij den rozenkrans bidt.
Van uwe gebeden zal Hij een prach-
tigen bloemenkrans vlechten voor de
Hemelkoningin, haar hoofd kronen en
haar Hart verblijden, wanneer gij met
een geloovig, vertrouwvol en zuiver hart
uw gebed verricht.
Bereid u steeds voor met een diepen
eerbied, als gij tot den troon der Moe-
der Gods nadert; verban uit uwen geest
alle wereldsche gedachten, alle aardsche
zorgen, en wend u, met geheel uw hart
tol Maria en spreek tot haar met den
H. Alphonsus:
O beminnenswaardige Koningin van
den Allerheiligsten Rozenkrans! Gij
wenscht niets vuriger dan de zondaars
te hulp te komen; zie, ik ben een groot
zondaar, die tot u zijn toevlucht neemt!
-ocr page 43-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 37
Help mij, goede Moeder, help mij! Neem
mij aan, als een kind, o Moeder der
barmhartigheid, en bewaar mij onder
uwe machtige hoede. Amen.
5 OCTOBEE.
éüind, veiqcet uwc \'Sïtocdcz niet!
Houd uwe moeder in eere, alle
dagen uws levens, en gedenk,
wat zij om uwentwille heeft uit-
gestaan. Tobias 4. 3.
^Keze vermaning van den vromen Tobi-
\'JSb as aan zÜn zoon, geldt op de eerste
plaats onze lichamelijke moeder: Houd
haar in eere, altijd, levenslang, ook
wanneer zij oud en gebrekkig geworden
is, want zooveel heeft zij voor u geleden,
slapelooze nachten voor u doorgebracht,
menigvuldigen arbeid verricht, zich voor
u onophoudelijke zorgen getroost; steeds
heeft zij u bemind: zij verdient dus ten
volle, dat ook gij Haar eert en liefhebt
en God beloont het u, zelfs reeds in
dit leven.
-ocr page 44-
3$ Maria als Rozcnkranskoningin
Met meer recht nog kunnen wij deze
schoone woorden toepassen op onze
hemelsche Moeder Maria, ons jJoor Je-
zus tot Moeder gegeven.
Vergeet Maar nooit in uw leven; be-
min haar met eene kinderlijke liefde:
roep Haar aan met het volste vertrou-
wen; volg Haar na met onvermoeiden
ijver; want toni uwentwille heeft zij
zooveel geleden.\'"
Wilt gij U hiervan meer en meer
overtuigen en het nimmer uit uw ge-
heugen verliezen, bid dan dikwerf den
rozenkrans met de overweging der droe-
vige geheimen.
Een lijdenskelk was ook voor Maria
bereid; zij was de Moeder der smarten;
op haar lijdensweg bloeiden vijf roode
rozen:
De eerste was: Het bloedig zweet van
Jezus in den Olijfiiof.
«Uitgaande, begaf Hij zich, volgens
«gewoonte, naar den Olijfberg.......
>en als Hij ter plaatse gekomen was,
«sprak Hij tot de leerlingen: Bidt, op-
adat gij niet in bekoring valt. En zich
»de verte van een steenworp van hen
«verwijderd hebbende, knielde Hij neder
-ocr page 45-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 39
»en bad... en zijn zweet werd als bloed-
«droppelen, die op de aarde neder-
• vielen." 1)
En Maria, door Gods Geest voorge-
licht en ingewijd in alle geheimen des
lijdens van haar Goddelijken Zoon, ge-
voelde met Jezus zijne grievende smart,
zijne onbeschrijfelijke droefheid.
Voor deze smart danken wij onze
lieve Moeder, wanneer wij tot de Ro-
zenkrans-Koningin bidden: Gezegend
is de vrucht uws lichaams, Jezus, die
voor ons water en bloed gezweet heeft.
De tweede roode roos was de geese-
ling van Jezus.
»Pilatus zeide tot de opperpriesters en
»de scharen: Ik vind geene schuld in
»dezen mensch... Gij hebt dezen mensch
stot mij gebracht, als het volk verlei-
»dende; en ziet, ik heb hem, voor u,
^ondervraagd, en in dezen mensch geene
schuld gevonden... Ik zal hem dan
^kastijden en losmaken." 2)
En het Lam Gods, dat de zonden
der wereld wegneemt, werd aan eene
1)  Luc. XX1L 39.
2)  Luc, XXIII. 4.
-ocr page 46-
40 Maria als Rozenkranskoningin
zuil gebonden, met eene helsche woerle
geslagen en gegeesekl, zoodat zijn bloed
in stroomen vloeide en Hij eindelijk,
machteloos en uitgeput aan den voet
der kolom nederviel.
Maria was in den geest bij dit bloe-
dig schouwspel tegenwoordig; zij zag
de vreeselijke mishandelingen haren
Goddelijken Zoon aangedaan, en smolt
weg in bittere tranen.
Dankend roepen wij onze heilige Moe-
der toe, als wij in het Rozenkransgebed
bidden: Die voor ons gegceseld is.
De derde roode roos was de door-
nenkroning van Jezus.
De H. Evangelist beschrijft ons dit
bloedig tooneel in de volgende woorden:
»Toen namen de krijgsknechten des
«landvoogds Jezus in het rechthuis en
«verzamelden rondom Hem de gansche
jkrijgsbende. En Hem ontkleed hebbende
awierpen zij Hem een purperen mantel
>om, en zij vlochten eenen kroon van
«doornen, en zetteden die op zijn hoofd
»en eenen rietstok in zijne rechterhand.
»En voor Hem nederknielend, beschimp-
»ten zij Hem zeggende: Wees gegroet,
«Koning der Joden." En Hem bespu-
-ocr page 47-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 41
«wende, namen zij den rietstok, en
«sloegen Hem op het hoofd." 1)
Welk vreeselijk lijden voor Jezus! Welke
bespotting, welke vernedering! En deze
gruwzame lijdenstafereelen stonden Ma-
ria voor oogen! O gij alle, zoo kon de
Moeder van smarten uitroepen ! gij allen
die langs den weg voorbij gaat, ziet en
aanschouwt of er eene smart is, ge-
lijk aan de mijne!
De vierde roode roos was de kruis-
draging.
«Nadat zij Hem beschimpt hadden,
> trokken zij Hem den mantel af, en
«deden Hem zijne kleederen aan en
«leidden Hem weg, om gekruisigd te
«worden." 2)
Beladen met het zware kruishout,
bewandelt Jezus zijn lijdensweg naar
Calvarië, en op dien weg ontmoette Hij
zijne heilige Moeder.
Maria ziet daar haren Goddelijken
Zoon, dien zij van den H. Geest ont-
vangen had en voor wien zij drie en
dertig jaren geleefd en gezorgd had!
1)  Matth. XXVII. 27.
2)  Matth. XXVII. 31.
-ocr page 48-
42 Maria als Rozenkranskoningin
Haren Zoon, dien de H. Geest gezalfd
en gezonden had om den armen bet
Evangelie te prediken, en te zoeken en
zalig te maken hetgeen verloren was!
Haren Zoon, op aarde gekomen om den
gevangenen verlossing, den blinden het
gezicht te schenken! Haren Zoon, door
Israël tot koning uitgeroepen, en door
het gansche volk met jubelkreten en
feestgezangen ontvangen! 1 Men Zoon ziet
zij nu gebukt onder den zwaren last
van het schandhout des kruises, omringd
van eene bloeddorstige menigte, onmen-
schelijke soldaten, spottende ï\'harizeërs!
Zij ziet, hoe Hij, uitgeput van lijden en
bloedverlies nauwelijks den eenen voet
voorden anderen kon zetten,en Jerusalems
straten verft met zijn Goddelijk Bloed.
Arme, lijdende Moeder! Wij danken
u voor uwe grievende smart en bidden
door U tot Jezus, die voor ons het zware
kruis gedragen heeft.
De vijfde roode roos is de kruisiging
van Jezus.
»Nadat zij op de plaats gekomen wa-
»ren, die Calvarië genoemd wordt, krui-
«sigden zij Hem aldaar." 1)
~T)Tuc. XXIII, 33.
-ocr page 49-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 43
Met ruw geweld rukte men Hem de
kleederen van het lichaam; de wonden
werden onder vernieuwde pijn heropend,
en het laatste bloed stroomde uit zijn
talrijke wonden. Toen wierp men Hem
op het kruishout; handen en voeten wer-
den met nagelen doorboord; het gansche
lichaam des Heeren siddert en wringt
zich van smarte, en de Moeder van Jezus,
die alles zag en hoorde, leed zooveel,
als werd zij zelve aan het kruis gena-
geld. Haar moederhart breekt van droef-
heid, nu zij staat aan het sterfbed van
haar goddelijken Zoon, en dat sterfbed
was een kruis! Niettemin is zij onder
het grootste lijden de gelatenste, de
grootmoedigste, de heldhaftigste onder
alle vrouwen; zij offert haren gekruisten
Zoon den Heere op, tot verlossing
uwer ziel.
O Maria, bid voor ons uwen Godde-
lijken Jezus, die zoozeer de wereld be-
minde, dat Hij voor hare zonden aan
het schandhout wilde sterven: die voor
ons gekruisigd is.
Wees gij daarom steeds een dank-
baar kind, en vergeet Maria, uwe Moe-
der niet, houd Haar in eere alle dagen
-ocr page 50-
44 Maria als Rozenkranskoningin
uws levens en zijt indachtig in den
droevigen Rozenkrans al hetgeen zij
voor u geleden heeft.
O allerzoetste Hart van liefde, o hei-
ligste Maagd en Moeder Gods Maria!
wanneer ik u aanschouw, dan zie ik
geen hart meer; maar een afgrond van
smart en liefde. O verkrijg mij, ik bid
u ootmoedig, een volmaakt berouw over
mijne zonden, en getrouwheid tot in
den dood, aan Jezus en aan u. Amen.
6 OCTOEEE.
Jlct niü^attaaz tei- eeic dct
Slopen hia
tw (i o ninqivi.
jCC\'ichooner en betreffende schouwspel
?jjg) kan men zich bijna niet voorstellen
dan, wanneer hij het vallen van den
avond, de vader, de moeder, de kinde-
ren en huisgenooten neerknielen voor
een Mariabeeld, om gezamelijk den
H. Rozenkrans te bidden.
Men zou zeggen, dat de Hemelko-
-ocr page 51-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 45
ningin rondom Haar al hare kinderen
in het gebed vereenigt, even als eene
hen hare kiekens, om hen tegen eiken
vijand te beschermen.
O welk geluk, wanneer alle huisge-
nooten in dat gevaarlijk uur zich scha-
ren met geloof, vertrouwen en liefde
om het beeld hunner machtige Moeder
des hemels!
Waar zou anders zoo menige licht-
zinnige zoon, zoo menige wereldsge-
zinde dochter, ja zoo menige huisvader
verblijven? Wellicht op den weg des
verderfs; misschien in het grootste ge-
vaar en in gelegenheid tot zonden!
Doch ziet, de liefde tot de koningin
van den H. Rozenkrans is de band die
hen vereenigt, versterkt en bewaart. In
hun hart is een altaar opgericht, waar-
op telken dage aan Maria een offer van
liefde gebracht wordt, en dat liefdeoffer
is een gouden krans van rozen, gevloch-
ten uit de Engelsche groetenis, vereenigd
met de overweging der vijf glorierijke
geheimen.
De eerste gouden roos is de Verrij-
zenis van Christus.
»Op den laten avond van den sabbath,
-ocr page 52-
46 Maria als Rozenkranskoningin
»bij het aanbreken van den eersten dag
»der week kwam Maria Magdalena en
»de andere Maria het graf zien.
sEn tiet, er ontstond eene groote
laardbeving; want een Engel des Hee-
»ren daalde van den hemel en naderde
»en wentelde den steen af, en zat op
»denzelven. En hij zeide tot de vrou-
»wen: Weest niet bevreesd; want ik
sweet dat gij Jezus zoekt, die gekruisigd
»is; Hij is hier niet, want Hij is ver-
«rezen gelijk Hij gezegd heeft." i)
Levend en verheerlijkt was de God-
mensch opgestaan uit het graf en ver-
schenen aan zijne geliefde Moeder. Welk
een troost, zoo als de wereld nooit ge-
kend heeft, voor Haar zwaar beproefd
Moederhart, wanneer Jezus zich aan
Haar vertoonde en de woorden toesprak:
Mijne Moeder! uw Zoon leeft en heeft
alles vervuld, wat zijn hemelsche Vader
Hem had opgelegd!
Aan dit geheim herinneren wij ons
en vereeren Jezus\' Moeder, wanneer wij
in den Rozenkrans bidden: die van de
dooden verrezen is.
i) Matth. XXVUi. I.
-ocr page 53-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 47
De tweede gouden roos is de hemel-
vaart des Heeren.
»Als Hij dit (tot zijne Apostelen) ge-
ssproken had, werd Hij, terwijl zij aan-
»schouwden, opgenomen en eene wolk
»voerde Hem weg uit hunne oogen."
»En als zij Hem, die ten hemel voer
» nastaarden, ziet, er stonden bij hen
stwee mannen in witte kleeding, die
»ook zeiden: Galileesche mannen, wat
»staat gij hemelwaarts te zien? Deze
»Jezus, die van u opgenomen is in den
«hemel, zal alzoo komen, als gij Hem
»hebt zien ten hemel varen." 1)
Ook Maria was getuige van Jezus
Hemelvaart. Wat zal haar moederhart
gevoeld hebben, toen zij zag hoe de
hemelen zich openden en Gods H. En-
gelen met verblindenden luister hun
Koning te gemoet snelden, en Jezus
door eigene macht zijn zegevierenden
intrede hield in het eeuwige huis zijns
vaders, om daar te leven en te heer-
senen, gezeten aan des vaders rechter-
hand!
De zoetste vreugde, eene onuitspre-
1) Hand. I. 9,
-ocr page 54-
48 Maria als Rozenkranskoningin
kelijke gelukzaligheid vervulde hare ziel
bij deze verheerlijking van haar Godde-
lijke Zoon.
Aan dit geheim der gouden roos
herinneren wij de H. Rozenkrans-konin-
gin, zoo dikwijls wij bidden: Die ten
hemel is opgeklommen.
De derde gouden roos is, de Zending
van God den
//. Geest.
Het bevel van Jezus opvolgende, wa-
ren de Apostelen eendrachtig volhardend
in het gebed: »En als de dagen van
«Pinksteren vervuld werden, ontstond er
> plotseling een gedruis uit den hemel,
»als van een opkomenden, geweldigen
«wind, en vervulde het geheele huis,
«waar zij zaten.
«En er verschenen hun verdeelde ton-
»gen, als van vuur, zich nederzettende
»op een ieder van hen. En allen wer-
«den vervuld met den H. Geest." i)
Maria was gezeten in het midden der
Apostelen en werd de rijkste gaven des
H. Geestes deelachtig. Thans aan-
schouwden hare oogen het grootste plan
der Eeuwige liefde, de H. Kerk ge-
at Hand. II. i.
-ocr page 55-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 49
grondvest op de rots van Petrus, mil-
lioenen uit alle werelddeelen de Kerk
binnentreden en hare alleenzaligmakende
leer volgen. Zij zag Jezus geëerd, aan-
beden en verheerlijkt, van het opgaan
der zon tot haar ondergang!
Dit geheim stellen wij ons voor oogen,
als wij in den rozenkrans bidden: Die
ons den H. Geest gezonden heeft.
De vierde gouden roos is de Hemel-
vaart ran Maria.
Maria leefde nog 23 jaren en enkele
maanden na de Hemelvaart van Haar
Goddelijken Zoon. Het oogenblik was
echter genaderd, waarop zij dit tranen-
dal verlaten en als Koningin van hemel
en aarde de luisterrijke intrede zou doen
in Jezus\' eeuwig rijk. Met het gansche
hemelhof daalde haar Goddelijke Zoon
tot Maria neder; de woning weergalmde
van het heerlijkst gezang der engelenko-
ren, haar gansche wezen straalde van
een hemelsch licht; en toen zij de woor-
den van den stervenden Verlosser had
uitgesproken: Heer, in-uwe handen be-
veel ik mijn geest,
ontvlood hare vlek-
kelooze ziel haar maagdelijk lichaam,
en deed de plechtige intrede in het he-
4
-ocr page 56-
50 Maria als Rozcnkranskoningin
melsch Jerusalem.
De H. Maagd, de geliefde dochter
van God den Vader, de heilige Moeder
van den Zoon, de reine tempel des
H. Geestes, was met ziel en lichaam
door de zalige geesten des hemels op-
gevoerd in het rijk van haren Zoon.
Welke gelukzalige heerlijkheid voor
Maria, ontvangen te worden door de
H. Drieëenheid in het rijk der glorie!
geëerd, gehuldigd, geprezen te worden
door alle Heiligen en Engelen.
O Maria! wij, uwe kinderen wenschen
u geluk met uwe schitterende overwin-
ning; maar gedenk onzer, als wij u in
den rozenkrans vereeren: Die u ten he-
mel heeft opgenomen.
De vijfde gouden roos is de kroning
van Maria als koningin des Hemels.
Maria neemt plaats op den troon,
die Haar bereid is, aan Jezus\' rechter-
hand, en de Koning der koningen plaatst
de kroon der heerschappij op haar
hoofd; eene kroon, zoo kostbaar, zoo
heerlijk, zoo wonderbaar, dat het nie-
mand gegeven is dezelve te waardeeren
noch te beschrijven.
Gekroond is zij als Koningin van
-ocr page 57-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 51
Engelen en Aartsengelen, van Apostelen
en Martelaren, Aartsvaders en Profeten,
van Maagden en Belijders, van alle
Heiligen!
Gekroond is zij, met eene kroon van
macht en liefde; in het rijk van eeuwige
schoonheid is en blijft zij onze Moeder
die ons beschermt in gevaren, sterkt in
den strijdt, moed en troost inspreekt,
en door hare machtige voorbede de
zegeningen des hemels doet nederdalen
op aarde.
O Maria! Uw zegepraal, uwe luister-
volle kroning, willen uwe kinderen ver-
nieuwen, telkenmale, als zij u eerbiedig
groeten met de woorden: Die u in den
hemel gekroond heeft.
Daar liggen ze nu voor u, 150 rozen;
50 witte rozen van den blijden; 50 roode
van den droevigen, 50 gouden, van den
glorierijken rozenkrans. Vlecht ze te
zamen in één krans, waarmede gij uwe
hemelsche Moeder kroont; een krans,
dien gij haar dagelijks aanbied; en
wees er verzekerd van, üods H. Engelen
zullen ook u een krans bereiden, welks
rozen eeuwig bloeien, en nooit verwel-
ken, en u zullen versieren, als uwe ziel
-ocr page 58-
52 Maria als Rozenkranskoningin
hare intrede doet in het rijk, dat Jezus
U bereid heeft.
7 OCTOBER.
dizoon u met zo&en, die nooit
vezwethen.
*LateH wij ons kronen met
vrozen, voordat zii verwelken."
Wijsh. ■>. 8.
Cfpe Rome leefde eens eene zeer licht-
tjjx zinnige vrouw, Catharina >de
«schoone" geheeten. Toen zij bij zekere
gelegenheid, den H. Dominicus hoorde
prediken over den H. Rozenkrans, liet
zij aanstonds haar naam schrijven in
de registers der Broederschap, zonder
echter van levenswijze te veranderen.
Op een avond ontving zij het bezoek
van een deftigen en voornamen jonge-
ling, dien zij met de meeste voorko-
menheid behandelde en aan haren disch
uitnoodigde.
Onder het eten bemerkte Catharina
-ocr page 59-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 53
dat zoo menigmaal de jongeling eenige
spijs nam, bloeddruppelen van zijne
handen leekten. Hierover verwonderd,
vroeg zij, wat dit beteekende: en de
jongeling antwoordde, dat een christen
geene spijs moest nuttigen, welke niet
eerst in het bloed van Jezus Christus
gedoopt, en met de herinnering aan
zijn bitter lijden gekruid was.
Nog meer ontsteld door dit antwoord,
vroeg de zondares aan den jongeling,
wie hij dan toch was.
En plotseling veranderde zijne ge-
stalte in die van den Verlosser aan de
kolom der geeseling. Hij toonde haar
zijn hoofd met doornen gekroond, zijn
lichaam met wonden en bloed overdekt,
en sprak tot haar: »Wilt gij nu nog
weten, wie ik ben? Zie, ik ben uw
Verlosser! Catharina! wanneer zult gij
eens ophouden mij te beleedigenf Zie
eens, hoeveel ik voor .u geleden heb!
Lang genoeg hebt gij mijn lijden, mijne
wonden hernieuwd; verander daarom
van levensgedrag.
Tranen van oprecht berouw rolden
nu langs Catharina\'s wangen; maar
Jezus sprak haar moed en vertrouwen
-ocr page 60-
54 Maria als Rozenkranskoningin
in, zeggende: »Weet, dat gij deze ge-
nade te danken hebt aan de voorspraak
van Maria, dewijl gij dagelijks, Haar
ter eere, den Rozenkrans gebeden hebt."
Den volgenden dag lag de lichtzin-
nige vrouw in den biechtstoel neerge-
knield aan de voeten van den H. Domi-
nicus, deed eene rouwmoedige belijdenis
van al hare zonden, verdeelde hare
goederen onder de armen en leidde een
zoo godvruchtig leven, dat zij een hoo-
gen graad van volmaaktheid bereikte.
Ziedaar dan een kind der wereld,
zich kroonend met vergankelijke rozen
van aardsche vreugde en wellust, maar
eensklaps door de genade der H. Ro-
zenkrans-koningin veranderd, bekeerd,
geheiligd en met de schoonste rozen
der deugd versierd!
Kroon ook gij uwe onsterfelijke ziel,
niet met rozen der ijdelheid, die zoo
spoedig verwelken; maar met de rozen,
die bloeien in den bloementuin der
Hemelkoningin:
i. Met de witte roos der kuischheid.
2.  Met de roode roos van geduld.
3.  Met de gouden roos der liefde.
-ocr page 61-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 55
I DE WITTE ROOS DER KU1SCHHEID.
> Zalig de zuiveren van harte, want
»zij zullen God zien.
De eerste roos, welke wij der Heilige
Maagd moeten aanbieden, is de deugd
der kuischheid, Haar op geheel bijzon-
dere wijze welgevallig; omdat zij, het
eerst van allen de belofte van eeuwige
zuiverheid aflegde, en den vlekkeloozen
Zoon van God in haren engelreinen en
maagdelijken schoot mocht ontvangen.
De onkuischen zijn geene kinderen
van Maria; zij volgen hunne Moeder
niet na; zijn kronen zich op aarde met
een verachtelijken krans van wellust,
en in de eeuwigheid met een krans van
van altijddurende pijn. Wees derhalve
waakzaam en voorzichtig voor den krans
der onschuld, van grooter waarde dan
alle kronen der aarde. Bemin en vereer
steeds de Koningin zonder erfsmet ont-
vangen, de Koningin der maagden, geef
Haar uw hart; wijd u aan Haar toe,
als gij den rozenkrans bidt, en roep
Hare voorspraak in.
O Maria, mijne moeder, herinner U,
-ocr page 62-
56 Maria als Rozenkranskoningin
dat ik uw kind ben; bewaar en be-
scherm mij als uw eigendom.
2. DE ROODE ROOS VAN GEDULD.
De lijdensroos, de bloem der smart,
bloeide welig in Maria\'s tuin.
Groot en onuitsprekelijk was haarlij-
den; na Jezus heeft niemand noch zoo
veel, noch zoo geduldig geleden als
Maria.
Van het oogenblik af, dat zij werd Gods
Moeder, werd zij ook eene moeder van
smarten; en toen haar stervende Zoon
aan het kruishout hangend uitriep: » Het
is volbracht"
moest Maria een bitteren
lijdenskelk drinken na den dood van
haren teerbeminden Zoon.
Ook gij moet de doornenkroon des
gedulds dragen in bekoringen, in be-
proevingen, in lijden, in ziekten, in we-
derwaardigheden van dit aardsche leven.
Vereenig U in alles met den allerheilig-
sten, aanbiddenswaardigen Wil van God.
\'t Is immers Gods H. Wil, dat wij
lijden; maar Hij geeft ons ook de kracht
het lijden christelijk te doorstaan en de
eeuwige belooning te verwerven. Even
-ocr page 63-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 57
als er geene roos is zonder doornen,
zoo is er ook geen leven zonder lijden.
Het kruis kunt gij dus niet ontvluchten
kies daarom het beste deel; draag het-
zelve met een christelijk geduld.
De H. Franciscus van Sales geeft
ons hieromtrent een goeden raad: Wan-
neer gij gebukt gaat onder het kruis
van lijden en wederwaardigheden, werp
u dan neder aan de voeten van Jezus,
uwen gekruisigden Verlosser en overweeg
welke smarten en vernederingen Hij
uit liefde tot ons verdragen heeft, en
bid Hem vurig, door de zachtmoedig-
heid en nederigheid van zijn Goddelijk
Hait, om de deugd van geduld.
Wend u echter ook, door den droe-
vigen Rozenkrans te bidden tot Maria,
en vraag aan Haar Onbevlekt Hart, dat
zij u de genade en kracht verkrijge in
alles Gods H. Wil te aanbidden, u ge-
willig, als een gehoorzaam kind, aan
Gods H. Beschikkingen te onderwer-
pen, en alle neigingen van ongeduld en
ontevredenheid aanstonds, uit lieide tot
Jezus te onderdrukken.
Hoe luisterrijk zal uwe ziel dan schit-
teren, wanneer gij, gekroond met de
-ocr page 64-
58 Maria als Rozenkranskoningin
rozen van geduld, aan uwen met door-
nen gekroonden Verlosser gelijkvormig,
tot de eeuwige vergelding wordt opge-
roepen !
Gods Eeniggeboren Zoon zal u uit-
noodigen: »Kom, mijne gekruiste ziel,
kom van den strijd tot de overwinning,
van het lijden tot de vreugde; van het
tranendal tot het land van eeuwige rust.
Treed binnen in de vreugde uws
Heeren."
3. DE GOUDEN ROOS DER LIEFDE.
Van af het eerste oogenblik harer
Onbevlekte Ontvangenis beminde Maria
haren schepper met de vurigste liefde;
van af hare teederste kindsheid in het
leven der Engelen ingewijd, had zij zich
geheel en gansch den Heere toegehei-
ligd, en deze liefde groeide steeds aan,
tot haar lichaam door het vurig ver-
langen met God vereenigd te zijn, stierf.
Ja, zelfs de Cherubijnen en Seraphijnen
hadden van Maria kunnen leeren, hoe
men zijnen Heer en God moet liefhebben.
Versier ook gij den krans uwer eeu-
wige heeriijkheid met deze kostbare
bloem der liefde.
-ocr page 65-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 59
\'t Is de liefde, die aan werken waarde
geeft in Gods oogen, zegt de H. Fran-
ciscus van Sales; en deze waarde is
des te grooter, naarmate de liefdebron,
waaruit zij voortkomen, rein is.
Bid daarom dagelijks om deze nood-
zakelijke deugd, om de heilige gave
van Gods liefde, bijzonder bij den glo-
rierijken Rozenkrans.
Begin van heden af uwen Heer en
God uit al uwe krachten te beminnen
en alle werken te verrichten uit liefde
tot Jezus en Maria; onderhoud dat
brandend liefdevuur door verzuchtingen
en oefeningen van liefde, die gij ten
allen tijde, op elke plaats, onder uwe
bezigheden, tot God kunt opzenden:
Mijn God, ik bemin u; geef, dat ik
u meer en meer beminne!
Mijn God! ik draag u op mijn lichaam,
mijne ziel, alles wat ik ben, alles wat
ik bezit!
Alles tot meerdere eer van God!
Hoe welgevallig zal uwe ziel zijn aan
haren Schepper, wanneer zij in het ster-
vensuur versierd is met de drie heer-
lijkste rozen, die in den tuin van Maria
ontstoken zijn; met de witte roos eener
-ocr page 66-
6o Maria als Rozenkranskoningin
vlekkelooze kuischheid, de roode roos
van een christelijk geduld, de gouden
roos van eene vurige liefde tot God!
Deze krans van rozen zal nooit verwel-
ken; maar in helderen glans schitterend
als alle aardsche glorie en pracht reeds
lang tot niet vergaan is.
O Maria, Moeder der schoone liefde,
bewaar ons dezen krans van deugden,
tot dat wij voor u en uwen Goddelijken
Zoon verschijnen in de eeuwige vreugde.
Amen.
8 OCTOBEE.
3fet It. êHo&enhiamqe&ed -fcij- net
21. 9Zi>offet.
tGezegtnd is de vrucht Jtws UchaaiHS."
Luc. 7. 42.
^IpYe rozenkrans, als een echt katholiek
>J2* gebed, kan wel is waar ten allen
tijde en bij elke gelegenheid gebeden
worden; op bijzondere wijze echter,
wordt onze hemelsche koningin door
-ocr page 67-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 61
het heilig rozenkransgebed gedurende
het H. Misoffer vereerd, en bewogen,
om voor hare kinderen de menigvuldig-
ste en grootste genaden af te smeeken
van Haren Goddelijken Zoon.
Betrachten wij dit iets nader.
i. *Doct dit tot mijne gedachtenis."
Deze woorden richtte onze Heiland
tot zijne Apostelen bij het laatste Avond-
maal, toen Hij het hoogheilig Sacrament
des Altaars en het H. Offer der Mis
instelde, in hetwelk Hij zijne mensch-
wording en geboorte, zijn allerheiligste
leven en lijden, zijn kostbaren dood
voortdurend op eene onbloedige, maar
waarachtige, werkelijke, wezenlijke wijze
vernieuwt; in hetwelk Hij met ons de
herinnering viert zijner glorievolle Ver-
rijzenis en Hemelvaart en ons laat deel-
nemen aan al zijne oneindige verdiensten
en hemelsche zegeningen, bijaldien wij
met een geloovig hart er bij tegenwoor-
dig zijn.
De woorden van Jezus: tDoet dit tot
mijne gedachtenis"
bevatten ook het
liefdevolle aandenken aan Maria, zijne
gezegende Moeder, zonder dewelke de
-ocr page 68-
62 Maria als Rozenkranskoningin
Zoon Gods geen enkel geheim onzer
verlossing voltrokken heeft.
Maria stond Jezus ter zijde met alle
rechten eener dierbare Moeder, van de
kribbe tot aan het kruis; deswege is
Zij thans zoo hoog verheven in het
hemelrijk en door Haar Goddelijken
Zoon gekroond als Koningin van he-
mel en aarde.
Wanneer wij derhalve, gedurende de
H. Offerande der Mis den Rozenkrans
bidden en de heilige geheimen van Jezus
en Maria overwegen, dan verblijden wij
ongetwijfeld het allerzoetste Hart van
de Koningin van den H. Rozenkrans,
wier verdiensten en verheerlijking te
gelijk met haren Goddelijken Zoon, ook
in den hemel door Engelen en Heiligen
vreugdevol herdacht worden.
Het geringste liefdeblijk van goede
kinderen aan hunne geliefde moeder
wordt door haar steeds met eene troost-
volle voldoening aangenomen en rijkelijk
vergolden want het hart eener moeder
kan zich in goedheid en liefde niet laten
overtreffen door hare kinderen.
Wat dan zeggen, wat hopen en ver-
wachten van het beste, het rijkste aller
-ocr page 69-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 63
moederharten, van het H. Hart van
Maria, de door God gekroonde Konin-
gin van den allerheiligsten Rozenkrans?
Bid daarom met een hart vol liefde
den H. Rozenkrans onder de H. Mis,
en een duizendvoudige zegen zal uw
loon zijn.
2. Eer en dank God uit al uwe
krachten !
Dit is de vurigste hartewensch, het
hoogste verlangen der lieve Moeder van
God, der H. Rozenkrans-koningin.
Dewijl zij God met de heiligste liefde
steeds beminde, is het ook haar eenigst
verlangen, dat al hare kinderen God
loven en prijzen voor de rijke genade-
schatten, die Haar van den Hemel zijn
ten deel gevallen; maar vuriger nog
wenscht Maria, dat wij God beminnen
en verheerlijken, omdat Hij in zich zelf
het hoogste, het beminnenswaardigste
goed is.
Hoe welgevallig zal Haar dan de
bede zijn, zoo dikwerf herhaald in den
H. Rozenkrans — Gezegend is de vrucht
mvs lichaams^ Jezus!
— ter aanbidding
van haren Goddelijken Zoon, en de
-ocr page 70-
64 Maria als Rozcnkranskoningïn
lofzang ter eere en dank aan den Drie-
éenigen God: Een zij den Vader den
Zoon en den H. Geest.
Wanneer wij deze gebeden onder het
H. Sacrificie der Mis verrichten bij het
bidden van den Rozenkrans, dan ver-
krijgen zij eene oneindig hoogere waarde
door het Goddelijk Hart van Jezus, het-
welk wij met den priester in de H. Mis-
offerande met dezelfde meening tot
eeuwigen lof en dank aan de H. Drie-
vuldigheid opdragen.
»Niet schoon is lofspraak in den mond
tder zondaars"
zegt de H. Schrift i)
ons hart alléén, is niet rein, niet heilig
genoeg, om Gode een offerande te brengen
tot erkenning van Gods opperste Ma-
jesteit en heerschappij: edoch, in het
H. Misoffer ziet de Eeuwige Vader met
welgevallen neder op zijn Ëenigen, veel-
geliefden Zoon, en neemt met vreugde
zijne offerande aan, ook voor ons, arme
zondaars.
\'t Is daarom ook, dat wij vreugde
bereiden aan het H. Hart van Maria,
als wij onder de H. Mis den Rozen-
i) Eccl. XV. 9.
-ocr page 71-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 65
krans bidden, om God te eeren en dank
te zeggen voor de weldaden zijner eeu-
wige liefde.
3. Bid om vergiffenis, bid om genade.
De hemelsche Rozenkrans-Koningin
wil zelve van God voor al hare kinde-
ren de vergiffenis hunner zonden af-
smeeken opdat zij rein en zuiver, heilig
en volmaakt worden.
Zij leerde ons daarom den droevigen
Rozenkrans bidden, waarin wij het bit-
ter lijden Onzes Verlossers overwegen,
en de smarten, die onze zonden Hem
veroorzaakt hebben.
Wanneer gij onder de H. Mis, bij
het bidden van den Rozenkrans, deze
overwegingen met een medelijdend hart
verricht, dan draagt gij den Allerhoogste
op, niet slechts op geestelijke maar op
werkelijke wijze met den priester, het
allerkostbaarste Bloed van Onzen Heer
Jezus Christus, terwijl gij bidt: Ver-
geef ons, Allerheiligste Vader, al onze
zonden, ter wille van uwen Eeniggebo-
ren Zoon Jezus, die voor ons water en
bloed gezweet heeft; die voor ons gegee-
seld en met doornen gekroond is; die
5 .
-ocr page 72-
66 Maria als Rozenkranskoningin
voor ons het zware kruis gedragen heeft,
en aan het kruishout stierf, en zich hier
op het altaar opnieuw voor ons opoffert.
4. Hoevele genaden kunnen wij ver-
krijgen, wanneer wij den Rozenkrans
bidden bij de H. Offerande der Mis,
die God wordt opgedragen, om nieuwe
genaden en weldaden voor ons en voor
anderen van God te ontvangen! Wat
zoude onze hemelsche Vader zijnen
kinderen kunnen weigeren, als zij tot
Hem smeeken door de heiligste Har-
ten van Jezus en Maria!
O! maak toch steeds de heilige mee-
ning, den rozenkrans te bidden in ver-
eeniging met de H. Offerande der Mis,
ook wanneer gij in de kerk niet aanwe-
zig zijt, tot eene herinnering aan het
leven en lijden onzes Verlossers, om
God te eeren, Hem te danken, verge-
ving onzer schulden te verkrijgen, alle
genaden te vragen, welke voor uw zie-
lenheil noodzakelijk zijn. Ja, in het
rozenkransgebed onderde H. Mis wordt
het woord vervuld, dat de H. Schrift
in den mond legt van Maria: *Bij mij
is alle genade te vinden"
elke genade
alzoo, die ons noodzakelijk is, op den
-ocr page 73-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 67
weg naar het hemelsch vaderland.
■>In mij is alle hoop des levens en
ti der deugd. Ik ben de Moeder der
ischoone liefde, der vrees, des geloofs,
tder zalige hoop."
Daarom verzuchten wij tot Haar met
den H. Germanus:
Niemand, o heiligste Maagd, komt tot
de kennis van God, tenzij door U!
Niemand, o Moeder Gods, wordt ge-
red, tenzij door U!
Niemand ontsnapt aan de gevaren
dezes levens, tenzij doorU!
Niemand verkrijgt eene genade van
God, tenzij door U, Gij, die vol van
genade zijt!
Verzuim daarom nooit door den
H. Rozenkrans onder het H. Misoffer,
vele en groote genaden van God af te
smeeken, en bid met den H. Alphonsus:
O mijne Koningin, werp, bid ik U,
een genadevollen blik op mijne arme
ziel, en vraag aan God die genaden,
welke Gij voor mij goedvindt. Nooit
blijft ééne uwer beden onverhoord; het
is immers het gebed eener Moeder tot
haren Zoon, die U zoo teeder bemint
en al uwe verlangens voldoet, om daar-
-ocr page 74-
68 Maria als Rozenkranskoningin
door U nog meer te verheerlijken en
zijne groote liefde tot U aan den dag
te leggen.
Ja, mijne meesteres, een onbegrensd
vertrouwen stel ik op U! Aan U is het
nu, mij te redden. Amen.
9 OCTOBER.
5)e %. cKox.\'Cnkian», -fiet wü&det-
punt attei qc3 vtuchtiqc
oefe-ninaen.
■•Alle goed verkreeg ik tegelijk met /taar."
Wijsh. 7. 11.
•<|E¥a het H. Misoffer," zoo sprak eens
•^Lyjp de H. Maagd tot haren getrouwen
dienaar Alanus, sis de rozenkrans mij
»het aangenaamste onder alle andere
•godsdienstige oefeningen."
Wat kan hiervan de reden zijn? De
reden is, dewijl de Rozenkrans alle
godvruchtige oefeningen van onzen
H. Godsdienst in zich vereenigt; dewijl
hij, door zijne geheimen het geheele
-ocr page 75-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 69
Nieuwe Testament in zich bevat, dewijl
hij geschikt is voor eiken stand, voor
iederen leeftijd, voor alle omstandig-
heden des menschelijken levens; dewijl
in dit gebed, kort aan woorden, maar
rijk aan inhoud, de gansche schat der
H. Kerk, met alle genaden en zegenin-
gen van God, met ontelbare aflaten en
voorrechten is opgesloten.
Wij willen dit, in het bijzonder, eens
verklaren.
Het II. Rozenkransgebed bevat in
zich:
1. De ver eer ing der Allerheiligste
Drievuldigheid.
In den vreugdevollen
rozenkrans eeren wij den Vader, die
zijn Eeniggeboren Zoon niet spaarde,
maar Hem gezonden heeft om de we-
reld te verlossen.
In den droevigen Rozenkrans eeren
wij den Zoon, die onder een vreeselijk
lijden onze zielen vrijkocht.
In den glorierijken Rozenkrans eeren
wij den II. Geesl, die het werk onzer
heiligmaking voltrokken heeft. Liefde,
aanbidding, dankzegging aan de H. Drie-
vuldigheid, is alzoo het eerste en hoogste
doel bij het gebed van den Rozenkrans.
-ocr page 76-
yo Maria als Rozenkranskoningin
Door den Drieéenigen God werd de
groetenis gezonden aan Maria, en het
Onze Vader gemaakt, ons door Jezus
geleerd.
Daarom spreken wij aanbiddend, na
ieder tientje de woorden uit: Eere zij
den Vader, den Zoon en den H. Geest.
2.  De ver eer ing vau den H. Geest,
Dien wij in elk »Wees Gegroet" eeren,
dewijl de Menschwording van Jezus,
die ons -hierin verkondigd wordt, aan
de bijzondere werking des H. Geestes
wordt toegeschreven.
Op gansch bijzondere wijze eeren wij
den H. Geest in de overweging der
twee geheimen: »Dien Gij, o Maagd,
van den H. Geest ontvangen hebt;"
«Die ons den H. Geest gezonden hebt."
3.  De ver eer ing der allerheiligste Na-
men Jezus en Maria,
zoo dikwerf wij
deze zoete namen in de Engelsche Groe-
tenis met eerbied en vertrouwen uit-
spreken en aanroepen.
4.  De vereering der Allerheiligste
Harten van Jezus en Maria,
dewijl wij
de vurige liefdevlamen dtzer eeuwig ge-
zegende Harten tot God en tot ons
menschen, in de geheimen van den ro-
-ocr page 77-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 71
zenkrans zoo helder"\'zien schitteren en
zoo treffend gevoelen, dat wij op on-
weerstaanbare wijze aangespoord worden,
ons met hen te vereenigen, om God op
volmaakte wijze te beminnen en aan
de heiligste Harten van Jezus en Maria
gelijkvormig te worden in de beoefening
der verhevenste deugden, welke wij in de
betrachting der geheimen zien uitblinken.
5.  De ver eer ing van de H. Kindsheid
van Jezus,
in den vreugdevollen Rozen-
krans.
6.  De vereering van het Bitter Lijden
onzes Heeren,
in den droevigen Rozen-
krans; van zijne heilige vijf wonden,
in het tiende Geheim; van zijn H. Aan-
schijn,
in het zesde en achtste Geheim;
en van zijn Kostbaar Bloed.
7.  De ver eer ing van het Hoogheilig
Altaarsacrament,
in hetwelk Jezus Chris-
tus nederdaalt op aarde, zich opoffert
aan zijn hemelschen Vader voor het
heil der wereld; als de heiligste Hooge-
priester aan het altaar des kruises voor
ons bidt, en ons zijn eigen Vleesch en
Bloed toereikt tot eene spijs onzer ziel
om ons aan al zijne verdiensten deel-
achtig te maken.
-ocr page 78-
72 Maria als Rozcnkranskoningin
8.  De vereering der Onbevlekte Ont-
vangenis, der ongeschonden Maagdelijk-
heid en van het goddelijk Moederschap
van Maria,
als wij Haar groeten: *Gij
zijt gezegend onder de vrouwen;" en
* Heilige Maria, Moeder Gods."
9.  De vereer ing der zeven vreugden
van Maria,
in den vreugdevollen en
glorierijken Rozenkrans.
10.  De vereering der zeven smarten
van Maria,
in den droevigen Rozenkrans.
11.   De viering van alle feestdagen
van het kerkelijk jaar,
dewijl eene god-
vruchtig biddende ziel zich alle gehei-
men van Jezus en Maria in het werk
der Verlossing, voor den geest kan stel-
len, onder het bidden van den Rozen-
krans.
12.  De vereer ing der HH. Engelen,
vooral in het eerste, derde, zesde, elfde,
twaalfde, veertiende en vijftiende geheim.
13.   De ver eer ing van alle Gods lieve
Heiligen,
in alle standen ons voorge-
steld door de H. Moeder Gods, den
H. Joseph, de arme Herders, de H. Drie-
koningen, Elisabeth, Zacharias, Joannes,
Simeon, Anna, Maria Magdalena, Dis-
mas, Nicodemus, de HH. Apostelen en
-ocr page 79-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 73
Evangelisten, allen vereeren wij in het
vijftiende geheim, waarin wij overwegen
de kroning van Maria, als Koningin
van alle Heiligen.
14.  De godvruchtige oefening tot het
verkrijgen van een zaligen dood;
zoo
dikwijls immers, bidden wij tot onze
H. Moeder «Heilige Maria, Moeder
Gods, bid voor ons, zondaars, nu, en
in het uur van onzen dood."
En dewijl millioenen en millioenen
dit gebed voor elkander verrichten, kan
deze genade niet geweigerd worden aan
de dienaars van de Koningin van den
H. Rozenkrans.
15.  De godsvrucht tot de zielen in
het vagevuur
wordt op bijzondere wijze
door den Rozenkrans bevorderd, door
de menigvuldige en groote aflaten, die
kunnen -toegevoegd worden aan onze
lijdende broeders, in het vagevuur.
De zalige Pater Dominicaan, Joannes
Massias, heeft alléén meer dan een mil-
lioen zielen uit de pijnen des vagevuurs
verlost door het bidden van den Ro-
zenkrans, zoo als hij op zijn sterfbed
aan zijn biechtvader bekend maakte.
16.   Eindelijk is de Rozenkrans het
-ocr page 80-
74 Maria als Rozcnkranskoningin
krachtigste gebed om alle zegeningen des
hemels te verkrijgeu en alle rampen af
te weren;
in allen nood, tegen elke be-
koring, ten tijde van ziekte, oorlog,
hongersnood; in elke aangelegenheid;
bij geluk of ongeluk; tot dankzegging,
tot aanbidding, tot smeekgebed; voor
eenieder, kind en grijsaard, jongeling en
jongedochter, vader en moeder, heer en
dienstknecht, keizer en koning, Paus en
Bisschop, priester en leek, voor alle ge-
loovige katholieken is de heilige rozen-
krans, immer en altijd seene gansch
goddelijke oefening," zoo als de H. Ca-
rolus lïorromeus zich uitdrukt; de ko-
ningin aller godsvruchtige oefeningen,
een zwaard tegen alle aanvechtingen
der hel, een gouden sleutel des hemels
en der oneindige genadeschatten en rijk-
dommen van God.
Degene dus, die de Hemelkoningin
met dit schoone gebed vereert, vermeer-
dert op duizendvoudige wijze zijne ver-
diensten en maakt zich den ganschen
hemel tot vriend: God en Maria, alle
Engelen en Heiligen, als de beste en
meestvermogende vrienden zijner ziel,
vooral voor het tegenwoordige als voor
-ocr page 81-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 75
het toekomstige leven, voor tijd en
eeuwigheid.
10 0CT0BEE.
S)c eHoz>en(uanyhonina itv doet aan
■kaze ■hindeten de &at\\a>te
beloften.
*Die mij gevonden heeft, zal
nietten vinden en heil verwer-
wen van den lieer."
Spr. 8. 35.
OTJJoen de H. Stanislaus Kostka, deze
■jjïrc engelachtige vereerder der H.Maagd,
op zijn sterfbed lag, wilde hij zijn ro-
zenkrans niet meer uit de handen laten,
alhoewel hij hem niet meer bidden kon.
Ondervraagd, waarom hij zoovele vreug-
de smaakte in het dragen van den ro-
zenkrans, gaf hij dit schoone antwoord:
»Het is de Rozenkrans mijner lieve
hemelsche Moeder, die mij boven alles
dierbaar is, als iets, wat Maria toebe-
-ocr page 82-
76 Maria als Rozenkranskoningin
hoort, daarom geeft niets mij zooveel
troost, dan hem bij mij te hebben."
Dezen heiligen jongeling was de ro-
zenkrans dierbaarder dan den kinderen
der wereld de edelste paarlen, de kost-
baarste sieraden, welke zij bij hunnen
dood toch moeten achterlaten; en met
volle recht: want de Hemelkoningin
doet aan hare getrouwe dienaars en
liefhebbende kinderen de zaligste be-
loften, welker waarheid en zekerheid
niemand kan betwijfelen, die van den
rijkdom, van de macht, van de liefde
der H. Moeder Gods overtuigd is.
Ziehier welke beloften de genadevolle
Koningin van den H. Rozenkrans gaf
aan den H. Dominicus: i.)
i. » Degene, die mij getrouw zal dienen
door het gebed van den rozenkrans, zal
eene bijzondere genade ontvangen;" alzoo
eene genade, welke hij anders van God
niet zou verkrijgen: eene genade, welke
Maria, op bijzondere wijze voor haar
kind afsmeekt; derhalve iets groots,
heiligs, volmaakts, iets van eeuwige
waarde.
i) Bollctino Salesiano, üttobre 1884. No. 10.
-ocr page 83-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 77
2.  «Aan allen, die godvruchtig den
rozenkrans zullen bidden, beloof ik
mijne gansch bijzondere bescherming en
groote genaden."
Wat het zeggen wil, te midden van
zoovele gevaren en vijanden, die ons
tijdelijk en eeuwig geluk bedreigen, een
machtigen steun te hebben in de be-
scherming der H. Moeder van God,
dat kunnen duizenden dankbaar verkon-
digen, die op hunne Moeder alle ver-
trouwen stelden en uit de grootste ge-
varen gelukkig gered werden door Haar,
die den kop van het helsch serpent
verpletterd heeft.
3.   »De rozenkrans zal eene sterke wa-
penrusting zijn tegen de hel;
hij zal de
misdaden uitroeien, de zonden verdrij-
ven, de dwalingen vernietigen."
Daarom trek ten strijde, uitgerust met
dit wondermachtig wapen en als een
groot held zult gij honderd uizend meer
vijanden overwinnen, dan koning David!
4.  De Rozenkrans zal bewerken, dat
de deugden en goede werken meer en
meer zullen bloeien; hij zal de rijke
bronnen van God grenzelooze barmhar-
tigheid voor de zielen openen; de har-
-ocr page 84-
78 Maria als Rozenkranskoningin
ten der menschen van de ijdele liefde
der wereld, tot Gods liefde terugvoeren
en hen bezielen met een vurig verlan-
gen naar de eeuwige goederen. O hoe-
vele zielen zullen door dit middel ge-
heiligd worden!"
Overweeg eens in kort, elk woord
dezer belofte, om eenigermate de onbe-
rekenbare waarde dezer genadeschatten
te leeren kennen.
5.   »De ziel, welke zich door het bid-
den van den rozenkrans aan Mij aan-
beveelt, zal niet verloren gaan." Welk
geluk voor zondaars! welke troost voor
kleinmoedigen!
6.   «Hij, die steeds den rozenkrans
godvruchtig bidt en zijne heilige gehei-
men overweegt, zal niet in ongenade
vallen, geene straf van Gods rechtvaar-
digheid lijden en niet door een onvoor-
zienen dood getroffen worden; maar
zich bekeeren, als hij een zondaar,
in de genade volharden als hij recht-
vaardig is en zoo het eeuwig leven waar-
dig worden."
Eene zoo groote belofte kan slechts
gegeven worden door de liefde van de
beste aller moeders, en door de macht,
-ocr page 85-
en het Rijk harer JJarmhartighcid. 79
die Zij bezit op het Hart van haar
Goddelijker) Zoon.
7.   »De ware vereerders van mijn ro-
zenkrans zullen niet sterven zonder de
HH. Sacramenten ontvangen te hebben."
Wat een zekere borgtocht voor den
hemel!
8.    >Ik wil, dat degenen, die mijn
rozenkrans bidden, in hun leven en bij
hunnen dood, door de genade verlicht
en vervuld worden en deelachtig aan
de verdiensten der gelukzaligen in het
Paradijs!"
Wat zijn daartegenover alle edelge-
steenten, paarlen, diamanten, schatten
van goud of zilver! Niet veel meer, dan
een hand vol stof!
9.   sOp een (bepaalden) dag verlos ik
die zielen uit hel vagevuur,
welke mij
door den Rozenkrans godvruchtig ver-
eerd hebben.
Welk geluk, ook maar één enkelen dag
vroeger het hemelrijk binnen te gaan,
en deze genade verschuldigd te zijn,
aan de Koningin zelve des Hemels!
10.  De waren kinderen van mijnen
rozenkrans zullen zich in den hemel in
grootere heerlijkheid verblijden."
-ocr page 86-
8o Maria als Rozenkranskoningin
Hetgeen de Moeder Gods zelve groot
noemt, moet in waarheid grooter zijn, dan
alle vergankelijke dingen dezer wereld.
ii. >Alles wat gij door den Rozen-
krans vraagt, zuil gij verkrijgen." Bid
daarom steeds met het grootste ver-
trouwen.
12.   »Zij, die de godsvrucht van mijn
rozenkrans verspreiden, zullen hulp van
Mij erlangen, in al hunne noodwendig-
heden."
Werk dus ijverig mede, den rozen-
krans te leeren kennen, beminnen en
bidden.
13.   «Van mijn Goddelijken Zoon heb
»lk (de genade) verkregen, dat de leden
»der Broederschap van den H. Rozen-
»krans, het gansch Hemelsch Hof (alie
«Engelen en Heiligen) tot medebroeders
«zullen hebben, in hun leven en in den
Mlood."
Tracht dus, u deze hemelsche Familie
meer en meer waardig te maken, roep
uwe heilige broeders dikwerf aan, en
stel al uw vertrouwen op hunne mach-
tige voorspraak.
14.   »Zij, die mijnen Rozenkrans bid-
den, zijn mijne zonen en broeders in
-ocr page 87-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 81
- Jezus Christus, mijn Eeniggeboren Zoon."
Welke aardsche adel kan met deze
waardigheid vergeleken worden?
15. »De godsvrucht tot mijn rozen-
»krans is een groot teeken der voorbe-
» stemming."
O onbevlekte Maagd! bezegel ons met
dit teeken in eeuwigheid!
Niet minder groot en talrijk zijn de
beloften, welke de Koningin van den
H. Rozenkrans geopenbaard heeft aan
haren geliefden dienaar, den H. Alanus,
uit de Orde van den H. Dominicus: 1)
>De rozenkrans is de kroon der heer-
lijkheid, bestaande uit de edelgesteenten
van verdiensten en het goud der liefde.
Predik den rozenkrans, hij is een schild
tegen de pijlen der vijanden; eene muur
van de Kerk Gods, en een boek des
levens. Noodig allen uit mijn rozen-
krans te bidden, en groote zielenvruch-
ten zult gij verzamelen. Even dikwijls
wordt de Heiligste Maagd gekroond, als
Zij gegroet wordt in het rozenkransgebed."
De Goddelijke Verlosser openbaarde
aan een dienaar van God: «Zoomenig-
1) P. Leikes, bl. 333.
6
-ocr page 88-
82 Maria als Rozenkranskoningin
»maal de rozenkrans mijner Moeder
«gebeden wordt, is het als of mijne
«wonden genezen worden."
En tot den gelukzaligen Henricus Suso
sprak de Heer: »Degenen, die leven in
de Broederschap van den H, Rozen-
krans, worden van ziekten bewaard of
genezen; tegen vele gevaren beschermd;
staan spoediger op uit de zonden; doen
eerder en waardiger boetvaardigheid
over hunne begane zonden; vallen min-
der dikwerf in zonde; overwinnen lich-
ter de bekoringen des duivels; verdragen
met meer geduld en vreugde de weder-
waardigheden des levens; stichten vrede;
vermeerderen de werken hunner deug-
den en verdiensten; verbreiden de eer
van God; worden op hun bidden eerder
verhoord; vinden God en de Heiligen
meer tot hulp bereid; verwerven gemak-
kelijker de genade der volharding; wor-
den zekerder van de hel bevrijd; ver-
schijnen geruster voor Hun Goddelijken
Rechter; verkrijgen lichter het eeuwige
leven; aanschouwen God duidelijker in
het andere leven; genieten Hem met
meer heerlijkheid en verheugen zich in
grootere goederen in de eeuwigheid."
-ocr page 89-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 83
11 OCTOEER.
sc-bij-nt \'met \'uxzen &ei-
iiacn
-fioldtoet.
* Van nu af, zullen alle geslachten
mij zalig prijzen"
Luc. 1. 48.
^I^eeds in de eerste eeuwen van het
i$\\ christendom hadden de boetvaar-
dige woestijnbewoners, die aan de psalm-
zangen geen deel konden nemen, de
gewoonte, in plaats hiervan, een zeker
getal Onze Vaders en Wees Gegroeten
te bidden. Om het getal dier gebeden
gemakkelijker te onthouden, regen zij
een zeker aantal koralen te zamen in
den vorm eener kroon, i)
Deze manier van bidden, treffen wij
aan bij den H. Paulus, kluizenaar; den
H. Benedictus en diens zonen; den Eer-
waard igen Beda in Engeland.
Toen men het lichaam der H. Ger-
ij Zóo Palladius en Sozomenus.
-ocr page 90-
84 Maria als Rozenkranskoningin
trudis ontdekte, (gestorven in het jaar
667) vond men bij haar eenige koralen
nevens elkander aan eene snoer gehecht
zoo als aan onzen rozenkrans.
\'t Is de H. Dominicus, zoo als wij
reeds vermeldden, die op een uitdruk-
kelijk verlangen der H. Maagd, het
schoone, echt katholieke gebed van den
Rozenkrans leerde.
Deze groote Heilige, een der voor-
naamste dienaren van Maria, heeft ech-
ter ook door dit gebed aan de Hemel-
koningin een schitterenden hofstoet
geschonken, bestaande uit de heiligste
en volmaakste dienaren van God, die
hier Maria\'s lof verkondigden, en thans
geschaard zijn rondom den troon der
Koningin van hemel en aarde.
Vestigen wij eens onze blikken op
dien schitterenden hofstoet, opdat we
des te krachtiger mogen aangespoord
worden, ons aan te sluiten aan dat hei-
lig en koninklijk gevolg van Maria.
Aan de spits staat de H. Dominicus
met alle zonen en dochters van zijne
groote heilige Orde, met de millioenen
zielen der eerbiedwaardige Broederschap
van den H. Rozenkrans, wier namen in
-ocr page 91-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 85
het boek des levens zijn opgetcekend.
Toen Dominicus in het jaar 1170 te
Calaroga in Spanje geboren werd en de
genade des H. Doopsels ontvangen had,
zag men eene schitterende ster op zijn
voorhoofd, ten teeken dat Hij door den
glans zijner deugden in Jezus\' Kerk zou
uitblinken.
Door een bijzonderen bijstand der
H. Moeder Gods bewaarde hij de on-
schuld des doopsels in vlekkelooze rein-
heid, en door de instelling van den
H. Rozenkrans bouwde hij eene geeste-
lijke ladder, langs welke millioenen zie-
len tot volmaaktheid en heiligheid, en
hierdoor tot de eeuwige zaligheid ge-
raakten.
Zijne engelachtige ziel verliet de we-
reld den 4 Augustus 1221, om in den
hemel de Koningin te aanschouwen,
wier liefde en goedheid zij op aarde
verkondigd had.
De ijverigste Zoon en volgeling van
den H. Dominicus in het verspreiden
van het Rozenkransgebed, was de ge-
lukzalige Alanus de Rupe, te Bretagne
in Frankrijk geboren, in het jaar 1428,
en overleden te Zwolle, den 8 Sept. 1475.
-ocr page 92-
86 Maria als Rozenkranskoningin
Hij leeraarde te Rijssel, Douai, Gent,
Rostock, Zwolle; predikte onvermoeid
door woorden en geschriften de gods-
vrucht tot de H. Rozenkranskoningin,
die haren vurigen en getrouwen dienaar
met de verhevenste genadeschatten over-
laadde.
Alles hadden de machten der hel be-
proefd, om het zalige werk van den
H. Alanus, de uitbreiding der godsvrucht
tot den H. Rozenkrans, te beletten of
te niet doen; zeven jaren lang werd hij
door den duivel op gruwzame wijze be-
koord, gekweld, zelfs geslagen, doch te
vergeefs; de allerheiligste Maagd be-
schermde en bevrijdde haar zoon, en
zegende hem met haar moederlijke be-
scherming.
Als een bijzondere zielevriend van
den H. Dominicus, zien wij tot den
hofstoet der Koningin van den H. Ro-
zenkrans toetreden, de H. Franciscus
van Assisië,
met zijne gansche Orde.
Hij zelf bad niet alleen den Rozenkrans
met de vurigste liefde en de diepste
godsvrucht, maar spoorde hiertoe ook
al zijne kinderen dringend en bij elke
gelegenheid aan.
-ocr page 93-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 87
Uit het II. Gezelschap van Jezus:
wie kent niet den engelachtigen jonge-
ling, den H. Aloysius, den teedersten
zoon van Maria; \'t was aan den rozen-
krans, dat hij zijne roeping en zijne
heiligheid dankbaar toeschreef!
Wie wordt niet getroffen door het
stichtend voorbeeld van den Heiligen
jongeling Joanncs Berchmans, die op
zijn sterfbed liggend, in zijne handen
droeg: zijn rozenkrans, een kruisbeeld
en de H. regels zijner Orde, en vreug-
devol uitriep: Deze drie zijn mij het
dierbaarst; met deze sterf ik gaarne."
Vurige vereerders van de Rozenkrans-
koningin waren de gelukzalige Canisius
Apostel van Nederland en Duitschland;
de H. Franciscus Xaverius, Apostel
van Indië; de H. Generaal der Orde,
de H. Franciscus Borgias, de H. Al-
phonsus Rodriguez.
In denzelfden hofstoet der Hemel-ko-
ningin schitteren verder nog de volgende
Heiligen:
De //. Caro/us Borroincus, die als
Aartsbisschop en Kardinaal met bezig-
heden overladen, evenwel dagelijks op
zijne knieën den rozenkrans bad. Ook
-ocr page 94-
88 Maria als Rozenkranskoningin
stichtte hij in zijne Domkerk te Milaan
eene broederschap, en drong er met alle
kracht op aan, dat zelts de soldaten ge-
zamenlijk het rozenkransgebed verrich-
ten zouden, zooals het voorheen was
voorgeschreven in de veldtochten tegen
de Turken.
De H. Franciscus van Saks bad eiken
dag den rozenkrans, waartoe hij één
uur noodig had en schrijft hierover:
»De H. Rozenkrans is het beste gebed,
en neemt onder alle andere, niet voor-
geschrevene gebeden, de eerste plaats
in. Bid hem dagelijks met de vurigste
godsvrucht, draag hem steeds bij u als
een teeken dat gij verlangt een dienaar
van God en der allerheiligste Maagd
Maria te willen zijn."
In zijn stervensuur liet hij zich den
heiligen rozenkrans op zijn arm leggen.
De H. Alphonsus van Liguori ver-
maande als Bisschop zijne onderhoorige
priesters, dat zij de huisgezinnen zouden
uitnoodigen tot het H. Rozenkransgebed.
Eveneens drukte hij dit zijnen missiona-
rissen en predikers op het hart. Hij
zelf verklaarde, dat zijne zaligheid van
den H. Rozenkrans afhing.
-ocr page 95-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 89
De H. Philipfus Nerius had steeds
den Rozenkrans bij zich in bed, en
zoodra hij ontwaakte, begon hij aanstonds
te bidden.
De H. Theresia schrijft: »De rozen-
krans is op wonderbare wijze geschikt,
om de geloovigen van de ijdelheid der
wereld af te trekken.
Toen de H. Camillus van Lellis eens
van een priester vernam, dat hij geen
rozenkrans had, riep hij verwonderd uit:
iAch, wat is dat? Is het mogelijk, een
priester zonder rozenkrans?"
De H. Paulus van het Kruis sprak
eens deze schoone woorden: >Den ro-
zenkrans wil ik bidden, zoo lang ik
leef, en wanneer ik het niet meer kan
met de lippen, zal ik het doen met het
hart."
De zalige Alphonsus, Koning van
Kastilié
verlangde, dat al zijne dienaren
de H. Maagd zouden vereeren door het
gebed van den H. Rozenkrans. Om
zelf het voorbeeld te geven, droeg hij
steeds een schoonen rozenkrans aan
zjjne zijde, zonder echter zich te ver-
plichten hem te bidden. Toen de koning
eens gevaarlijk ziek was, zag hij zich
-ocr page 96-
go Maria als Rozenkranskoningin
in den geest geplaatst voor Gods rech-
terstoel. Hij zag de duivelen, die hem
aanklaagden van alle misdaden, waar-
aan hij zich schuldig gemaakt had, en
den Oppersten Rechter, die op het punt
stond hem tot de eeuwige straffen te
veroordeelen. Toen verscheen plotseling
de H. Maagd Maria; zij smeekte om
barmhartigheid bij haren üoddelijken
Zoon voor Alphonsus. Alle zonden des
konings werden in eene weegschaal \'ge-
legd; doch de H. Moeder van Jezus
legde den rozenkrans, welken hij te ha-
rer eere gedragen had in de andere
schaal en sprak tot Alphonsus: »Om u
te beloonen voor de eer, die gij mij be-
wezen hebt door het dragen van den
Rozenkrans, heb ik van mijn üoddelij-
ken Zoon verkregen, dat uw leven nog
voor eenigen tijd verlengd wordt; tracht
dezen tijd goed te besteden en boete te
doen."
Toen de koning tot zich zelven was
gekomen, riep hij uit: »(J gij heilige
Rozenkrans van Onze Lieve Vrouw,
aan u heb ik te danken, dat ik van de
eeuwige verdoemenis gered ben gewor-
den."
-ocr page 97-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 91
Hij bad voortaan den H. Rozenkrans
alle dagen zijns leven, en na de deug-
den van een vroom Christen beoefend
te hebben, stierf hij den dood der ge-
lukzaligen.
12 OCTOBEE.
cv cHua IX «h &ïine
tietdc tot de Slox>cnjftzam-
■koninain.
»A1 hetgeen hij u zeggen
«moge doet het."
Jo. 11. 5.
f(Ê£ps gansch vertrouwen berust op de
jjyK H. Maagd over dewelke God de vol-
>heid zijner genade heeft uitgestort,
«zoodat, wanneer ons eene hoop, eene
»gunst, eene genade verleend wordt,
wij weten, dat zij van Haar komt; de-
wijl dit het verlangen is van Dengene,
die wilde, dat ons alles door Maria
zou geworden."
-ocr page 98-
92 Maria als Rozenkranskoningin
Zoo schreef de groote Paus Pius IX
den 2 Februari 1849, aan alle bisschop-
pen der katholieke wereld, toen hij door
de revolutie gedwongen, een toevluchts-
oord moest zoeken in Gaëta.
De gansche wereld weet, hoe vurig,
hoe grenzeloos de liefde van den heili-
gen dienaar van God, tot Maria was,
aan Wie hij te danken had zijne ge-
zondheid, zijne priesterlijke waardigheid,
zijne pauselijke kroon, en daarmede ook
de kroon der martelaren, der belijders,
der maagden in den stralenglans zijner
deugden.
Zonder oponthoud bad Pius IX tot
de H. Moeder van God; in al zijne
toespraken sprak hij van Haar; haar
gezegende Naam kwam steeds met die-
pen eerbied over zijne lippen; hare tem-
pels en heiligdommen vereerde hij door
zijne persoonlijke bezoeken en met rijke
geschenken; de viering der aan Haar
gewijde feestdagen bevorderde hij door
vele aflaten; haar grootste en schoonste
voorrecht, stelde Hij onder ingeving des
H. Geestes als geloofspunt vast: Hare
onbevlekte Ontvangenis.
Hoe groot de liefde was van dien
-ocr page 99-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 93
Opperpriester tot de Koningin van den
H. Rozenkrans in \'t bijzonder, zien wij
hieruit, dat hij, niet alleen dagelijks den
rozenkrans bad niet de levendigste ge-
voelens eener diepe godsvrucht; maar
ook dat hij voortdurend en met allen
nadruk dit gebed zijnen geloovigen aan-
beval.
Den rozenkrans noemde hij: »een
«hoogst krachtig gebed."
«Wanneer gij vrede wilt bezitten in
«uwe harten, in uwe familién, in uw
«vaderland, bidt dan \'s avonds, met uwe
«gansene familie gezamenlijk den heili-
«gen Rozenkrans; want dit is het schoon-
«ste gebed, rijk aan genaden en op
«bijzondere wijze welgevallig aan de
«allerzaligste Maagd. Bemint dit gebed,
«verricht het telken dage met godsvrucht;
«dit zij als mijn testament, dat ik u tot
«eene herinnering achterlaat."
Zoo sprak de groote dienaar van
Maria, Pius IX.
Om de kinderen der Kerk tot de
vereering der Rozenkranskoningin meer
en meer aan te sporen, bekrachtigde
Pius IX de groote en talrijke aflaten,
aan de Broederschap van den H. Ro-
-ocr page 100-
94 Maria als Rozenkranskoningin
zenkrans door zijne voorgangers ge-
schonken.
Hij verleende zijne goedkeuring aan
den zoogenaamden «eeuwigen rozen-
krans;" verbond hieraan rijke aflaten;
zoo ook aan de vereering van Maria
gedurende de maand October, door
den dagelijkschen Rozenkrans.
Ter gelegenheid van het algemeen Con-
cilie in 1869, noodigde de Paus alle geloo-
vigen uit, door het godvruchtig bidden van
denH. Rozenkrans van den hemel een ge-
lukkigen uitslag af te smeeken, en verleen-
de daartoe elke week een vollen aflaat.
Eene bijzondere vreugde was het voor
zijn vaderhart, toen in 1875 de Bisschop
van Tarbes hem mededeelde, dat te
Lourdes, het wereldberoemd heiligdom
der Onbevlekte Maagd, eene prachtige
kerk zou gebouwd worden ter eere van
de Koningin van den H. Rozenkrans.
Van ganscher harte gaf de Opperherder
hieraan zijn vaderlijken zegen en zijne
apostolische goedkeuring.
Is het derhalve een zoete vreugde,
een zalige troost, de groote dienaren
van Maria en de lieve Heiligen Gods
na te volgen in de vereering der Ko-
-ocr page 101-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 95
ningin van den allerheiligsten Rozen-
krans; het waar christenhart verlangt
echter ook bezield te worden met de-
zelfde gevoelens van liefde, van ver-
trouwen, van godsvrucht, welke hare
groote vereerders bezaten, om daardoor
eer en vreugde te bereiden aan de Ko-
ningin van hemel en aarde, en aan zijne
eigene ziel, de vermeerdering der god-
delijke genade.
De gelukzalige Martinus Navarrus
bad dagelijks, tot zijn negentigste jaar,
na zijn breviergebed den H. Rozenkrans
met de overweging der vijftien \'gehei-
men, en heeft ons achtergelaten de wij-
ze, waarop hij deze godvruchtige oefe-
ning verrichtte.
sBij het begin van elk Wees Gegroet
moet men zich met een levend geloof
in de tegenwoordigheid van Gods Moe-
der stellen. Bij het begin van ieder
tientje overwege men een zekeren tijd
het geheim, dat vereerd wordt, en aan
het einde van het tientje spreke men
met den mond of het hart: jO mijne
glorierijke Moeder en Maagd Maria!
Dat u duizendmaal vereeren alle koren
van Engelen, met wie ik hoop, U eens
-ocr page 102-
96 Maria als Rozenkranskoningin
in den hemel te aanschouwen en te
verheerlijken.
Na het tweede tientje: Dat U duizend-
maal vereeren alle Heiligen van het
Oude Verbond, die van Adam af tot
aan Joannes geleefd hebben, met wie ik
hoop, U eens in den hemel te aanschou-
wen en te verheerlijken.
Na het derde tientje: Dat Uduizend-
maal vereeren alle Apostelen en leerlin-
gen des Heeren, alle H. Martelaren die
hun bloed gegeven hebben voor het ge-
loof in Jezus, Uwen Zoon, en met wie
ik hoop, U eens in den hemel te aan-
schouwen en te verheerlijken.
Na het vierde tientje: Dat Uduizend-
maal vereeren alle Belijders, met wie ik
hoop, U eens in den hemel te aanschou-
wen en te verheerlijken.
Na het vijfde tientje: Dat U duizend-
maal vereeren alle Maagden en Wedu-
wen, met wie ik hoop, U eens in den
hemel te aanschouwen en te verheerlijken.
Op eene andere wijze bad de geluk-
zalige zuster Monica van Luxemburg,
wier geest onder het bidden van den
H. Rozenkrans in overweging verdiept
was.
-ocr page 103-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 97
Rij den aanvang stelde zij zich de
Allerheiligste Maagd voor oogen, in al
hare vlekkeloo/.e schoonheid, of wel, zag
/.ij zich zelve verplaatst voor den troon
der Hemelkoningin. Dan smeekte zij
tot den Aartsengel Gabriël: iü Heilige
Engel, verkrijg mij de genade, om met
de grootste vurigheid Maria, de Konin-
gin des Hemels, te groeten.
Bij het eerste Onze Vader vereenigde
zij de drie vermogens harer ziel met
de drie Goddelijke Personen: en aan
het einde bad zij verder: «O Heilige
Engel, ik bid u, groet de Maagd Maria
voor mij, en van mijn kant draag ik
Maar dezen rozenkrans op als eene
dankzegging voor alle groote, door Haar
ontvangen weldaden."
Tot een teeken dat de //. Benedktus
Joseph Lubrc,
geheel en al aan de
H. Moeder Gods wilde toebehooren,
droeg hij steeds een rozenkrans om den
hals, bad dien ook openlijk, op alle
wegen en straten, en niet op gewone
manier: maar steeds met eene ziel ver-
heffende betrachting der H. geheimen,
en in eene zeer ingetogene en eerbiedige
houding.
7
-ocr page 104-
cjS Maria als Rozcnkranskoningin
Wanneer hij in het hospitaal met de
andere armen telken avond zijn gebed
sprak, en dezen ofnederzaten of geeuw
den of sliepen, deed hij het steeds op
zijn knieën, doordrongen van den diep-
sten eerbied, geheel en al zich met God
onderhoudend, zoodat menigmaal de
eene tot den anderen sprak: Zie eens
Benedictus. hij komt weer in verrukking!
üeijver u dan ook, naar het voorbeeld
van zoovele dienaars van Maria, den
11. Rozenkrans te bidden met inwendige
en uitwendige godsvrucht.
Plaats u bij den aanvang van uw
gebed in (jods aanbiddelijke tegenwoor-
digheid, en vraag u af, met wien gij tl
onderhoudt; wie gij zelf zijt; waarvoor
gij wilt bidden: waarvoor gij danken,
God verheerlijken of Hem voldoening
wilt schenken.
Lees dan in de overweging der Ge-
heimen als in een boek, waarin het le-
ven en lijden van Onzen Heer Jezus
Christus en zijne gebenedijde Moeder
Maria beschreven is, en wek in tl zelven
op de levendigste gevoelens van geloof,
van hoop, van liefde, van dankzegging,
van medelijden, van berouw, van opof-
-ocr page 105-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 99
fering. Op zulke wijze zult gij eerder
van verstrooidheden bewaard blijven, en
uw gebed als een geurigen wierook doen
opstijgen tot voor den troon van God
en zijner Onbevlekte Moeder.
13 OCTOBEE.
Onze ït. fyadet Ceo XIII »poo*t
de l\'ïcitfioficlic ivezetd aan, lol\'
vczceiiMC\\ dez, e/lozen fiians-
nonhiain.
■nik l>en van eeuwigheid veror-
»dend, van oudsher, eer de
naarde werd"
Spr. 8. =3.
^T\'y^ie is Maria ? Zij is dat uitverko-
vA/N/r\' ren schepsel van den Alniach-
tigen God, dat zoowel van de erfsmet,
als van elke, zelfs de geringste dadelij-
ke zonde is gevrijwaard:
Zij is die edele Maagd, die zooals
gsene vóór Haar en geene na Haar, als
eene fonkelende ster, als eene schitte-
-ocr page 106-
ioo Maria als Rozenkranskoningin
rende zon door den glans der deugden
uitblonk.
Wie is Maria ? Zij is de Moeder van
God den Zoon, dien de Engelen sidde-
rend aanbidden, en gelijk is in macht,
in schoonheid, in heerlijkheid aan den
Vader.
Wie is Maria? Zij is de Koningin des
hemels; alle Engelen, alle Heiligen zijn
hare onderdanen; hare macht overtreft
die der aardsche gezagvoerders, in zoo-
verre de hemel grooter en verhevener
is dan de aarde.
Wie is Maria? Zij is de moeder der
menschen, met een hart vol barmhar-
tigheid en liefde tot al hare kinderen;
allen biedt zij hare moederlijke hulp
aan, voor allen is zij steeds bereid ge-
naden en weldaden af te smeeken, bij
den trcon van haar Goddelijken Zoon.
Dat is Maria. Geen wonder derhalve
rlat de Vader der christenheid, Paus
Leo XIII, de volkeren der gansche we-
reld in deze veel bewogen en uiterst
gevaarvolle tijden oproept, hun toevlucht
te nemen tot de machtige Koningin des
Hemels, en wel, door het ijverig bidden
van den allerheiligsten Rozenkrans.
-ocr page 107-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 101
Door het langdurig lijden der Kerk
en de dagelijks toenemende moeilijkhe-
den der tijden bewogen, heeft Leo XIII
sedert het begin van zijn Pausschap niet
opgehouden alle christenen aan te spo-
ren, vooral de H. Maagd, Moeder van
God, te vereeren en aan te roepen door
het bidden van den Rozenkrans.
Hij beval, dat gedurende de maand
October <Je rozenkrans zou gebeden
worden; hechtte hieraan vele allaten,
voegde bij de Litanie den eeretitel van
Maria: Koningin van den II. Rozenkrans,
bid voor ons,
enz.
In de eerste Encycliek over den Ro-
zenkrans (1 Sept. 1883), zeide hij:
Heden is de Goddelijke hulp even zoo
noodzakelijk als in den tijd dat Domi-
nicus het gebed van den Rozenkrans
in voege bracht.
Die groote Heilige, door God voor-
gelicht, zag duidelijk in, dat, om de
kwalen zijner eeuw te genezen, geen
middel baten kon, tenzij de menschen
tot Jezus-Christus die de weg, de waar-
heid
en het leven is, door de gedachte
op hunne zaligheid terugkeerden, en bij
God de voorspaak verwierven van de
-ocr page 108-
102 Maria als Rozenkranskoningin
Maagd, die de macht heeft alle kette-
rijen uil te roeien.
Daarom heeft hij
den Rozenkrans zóó samengesteld dat
wij er de mysteriën onzer verlossing
in hunne volgorde herdenken en als tot
een krans samengevlechten met de En-
gelsche Groetenis en het Gebed des
Heeren.
Daar wij althans voor gelijke kwalen
een zelfde middel zoeken, twijfelen wij
geenszins of het gebed, eenmaal met
zoo groot nut voor heel de wereld door
Dominions ingevoerd, zal ook dienstig
zijn om de rampen van onzen tijd te
verzachten.
Daarom willen wij niet alleen alle
Christenen aansporen om of samen
in \'t openbaar of elk in \'t bijzonder en
in den huiselijken kring den Rozen-
krans te bidden en dit vroom gebruik
te blijven onderhouden, maar wij willen
ook dat degansche maand Octobcr aan-
st.ianfe
heilig gevierd worde ter eere
van ü. L. V. van den Rozenkrans.
Wij, die voor dergelijke kwalen een ge-
neesmiddel zoeken, hebben het recht te
gelooven, dat als wij ons bedienen van
hetzelfde gebed, dat den H. Dominicus
-ocr page 109-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 103
heeft gediend om zooveel heil aan heel
de Katholieke wereld te schenken, wij
eveneens de rampen, waaraan onze tijd
lijdt, zullen zien verdwijnen."
De katholieke natiën nu, die dat alles
overwegen en tegelijk zien, dat in den
hevigen strijd tegen de Kerk, de
machten der hel met den dag woeden-
der worden; zoowel ais de Katholieke
familien gevoelen het diep, hoe nood-
zakelijk het is, den ijver jegens de zeer
machtige Moeder van God te doen toe-
nemen, en ook het vertrouwen te ver-
meerderen, dat zij-, indien men tot Haar
het gebed van den Rozenkrans richt,
een krachtige hulp aan den christelijker)
naam en den Apostolischen Stoel schen-
ken zal; die familien vergeten inderdaad
niet, dat God van de voortzetting en
den overvloed zijner gaven wil maken
niet alleen de vrucht zijner goedheid,
maar ook van onze volharding." (Apost.
Breve van 24 Dec. 1883.)
Den s Aug. 1888, wordt nogmaals
een decreet uitgevaardigd door den Pre-
fekt van de Congr. der H. Riten, waarin
op last van Onzen H. Vader het volgen-
de wordt bepaald:
-ocr page 110-
)o4 Maria als Rozcnkranskoningin
«Daarom en ten einde dank te bren-
gen voor de ontvangen weldaden en
met meer kracht te bidden om nieuwe
te verkrijgen, beveelt de H. Vader en
vermaant levendig, dat men nog dit
jaar doe, al hetgeen Mij door zijne
Encyclieken en door de decreten van
de Congregatie der H. Riten (10 Aug.
1886; 26 Aug. 1886; 11 Sept. 1887) in
de voorgaande jaren geraden en bevo-
len heeft ten aanzien van de heilrijke
devotie van den H. Rozenkrans, vooral
in de maand October. En daar Hij
reeds vele beschikkingen heeft genomen
met het oog op de meerdere uitbreiding
der liturgische vereering der H. Maagd,
onder den titel van den Rozenkrans,
heeft Hij er nog eene nieuwe aanvulling
willen bijvoegen, door met een eigen
officie met
J/«,het heilig feest der plechtig-
heid van dien Rozenkrans op te luisteren.
Onze leus zij dan ook, met den Op-
perherder der Kerk:
Koningin van den allerheilig sten Ro-
zenkrans, bid voor ons!
-ocr page 111-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 105
14 OCTOBER.
9lcatici, de s>cacv>tatcnde dConinain
van doi IL 5to-£>en4tatv>.
«Over itlie natiën en volkeren
nvoerde ik het gebied."
Kccli. 24. 10.
;;T«Foe groot en onbeperkt de macht
JFJu: is onzer Hemelkoningin, en hoe
onuitputbaar hare goedheid jegens ons
menschen, hebben hare vrome dienaars,
als om strijd, aan de wereld verkondigd.
Maria, zegt de H. Alphonsus, sis
deelgenoote aan de macht van haar
Goddelijken Zoon, en hetgeen Deze is
van natuur, namelijk almachtig, is Ma-
ria door de genade. Zij heeft een grooter
verlangen ons te helpen, dan wij hebben,
door. Haar hulp te erlangen."
Eenige treffende geschiedkundige fei-
ten toonen ons aan, hoe voordeelig en
heilzaam het is, de zegepralende Rozen-
kranskoningin met vertrouwen aan te
roepen.
1. De zeeslag van Lepanto^ waarin de
-ocr page 112-
io6 Maria als Rozenkranskoningin
christenen de Turken overwonnen den
7 üctober 1571, kan te recht de heer-
lijkste zegepraal genoemd \\vorden,diedoor
de voorspraak der Allerheiligste Maagd
en het Rozenkransgebed is behaald ge-
worden.
Te dien tijde, zoo schrijft onze H. Va-
der Leo XIII in zijn brief van den 1
Sept. 1883, nadat de heilige Paus Pius
V de christen vorsten tot bescherming
der algemeene belangen had opgewekt,
was het zijn terste werk, de machtige
Moeder des lleercn door het rozenkrans-
gebed te smeeken, de\' christenheid ge-
nadig te hul]) te komen.
Hemel en aarde waren in die dagen
getuigen van een verheven schouwspel.
Van den éénen kant de christenhelden,
onverschrokken den vijand afwachtend
en bereid, voor godsdienst en vaderland
bloed en leven te offeren; en van den
anderen kant de gansche christenwereld,
gewapend met den H. Rozenkrans, Ma-
ria eerend en aanröe] end, opdat de chiis-
tenen eene schitterende overwinning
mochten behalen.
En de Koningin van den H. Rozen-
krans heeft hulp gebracht; want in den
-ocr page 113-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 107
zeeslag bij I.epanto bevocht de christe-
lijke vloot de heerlijkste zegepraal over
de Turken, zonder zelf groot verlies te
lijden.
Op het/elfde oogenblik van deze luis-
terrijke zege op wonderbare wijze on-
derlicht, onderbrak de Heilige Paus
Pius V zijn gebed dat hij te Rome met
opgeheven handen lot de H. Rozen-
kranskoningin verrichtte, opende het
venster van zijne woonkamer en viel
op zijne knieën neder, om God en Ma-
ria dank te zeggen voor de behaalde
zegepraal.
De christenen hadden 200 Turksche
schepen veroverd of in den grond ge-
boord, 50.000 vijanden gedood, 20.000
christen slaven in vrijheid gesteld, en
voor immer de christenheid van het
Turksche juk bevrijd.
Tot eene dankbare herinnering aan
deze ontvangene weldaad, stelde 1\'ius V
vast, jaarlijks een feest te vieren ter
eere van Maria der Overwinning^ en
Gregorius XIII gaf aan dezen feestdag
den naam van Kozenkransfeest.
2. Toen in het jaar 1683 de Turken
voor de muren van Weenen verschenen
-ocr page 114-
ioS Maria als Rozcnkranskoningin
met eene legermacht van 200.000 sol-
daten, vergat men niet de groote zege-
praal, welke de christenen door Maria\'s
hulp bevochten hadden; de kerken waren
alom met geloovigen gevuld; allerwege
bad men den H. Rozenkrans, en ten
tweede male werden de Turken over-
wonnen door het zwaard van Leopold I.
3. Nogmaals moest het krachtige Ro-
zenkransgebed de schrik worden van
de vijanden des christendoms.
In het jaar 1716 vielen zij wederom
met een talrijk leger in Hongarije; maai-
de beroemde Prins Ettgenius, die edele
ridder en groote vereerder van de Ko-
ningin van den H. Rozenkrans, behaalde
eene luisterrijke overwinning op den
feestdag van O. 1„ V. ter Sneeuw; op
het oogenblik dat .Keizer Ivarel VI te
Weenen openbare gebeden verrichten
liet, en te Rome eene feestelijke pro-
cessie werd gehouden door de leden
van de Rozenkrans-broederschap, om
door Maria\'s voorspraak Gods hulp af
te smeeken in den strijd tegen de vij-
anden van zijn Heiligen Naam.
Wegens deze heerlijke overwinning
liet 1\'aus Clemens XI groote dankfees-
-ocr page 115-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 109
ten vieren in Rome; de hem toegezon-
den Turksche vaandels in het openbaar
ten toon stellen, een aflaat afkondigen,
te verdienen op de 1 feestdag van ü. L.
V. der Overwinning, en stond goed-
gunstig toe, dat het feest van den
H. Rozenkrans, tot hieraan slechts een
bijzonder voorrecht der Dominicanen,
in alle Kerken der christenheid zou ge-
vierd worden.
4.    Prins Eugenius van Savoye, de
dappere veldheer, was een evengoed
christen als ijverig rozenkransbidder en
spoorde tot deze schoone oefening ook
zijne soldaten aan, die hem als een
vader lief hadden. Hij, gelijk tal van
andere katholieke generaals schaamden
zich niet, maar beroemden er zich op,
den II. Rozenkrans openlijk te bidden
en zij schreven hunne overwinningen
en het welslagen hunner ondernemingen
toe aan de zegepralende Koningin van
den H. Rozenkrans.
5.    De in den dertigjarigen oorlog
beroemd geworden Graaf Joannes Al-
dringer, die in 1634 in den strijd tegen
de Zweden sneuvelde, droeg steeds bij
zich een kostbaren rozenkrans van roode
-ocr page 116-
i io Maria als Rozenkranskoningin
paarlen, welken hij gewoon was te bid-
den tijdene zijne veldtochten.
6.   Do wereldberoemde veldheer Tilly
was een der vroomste generaals en de
getrouwsie znon der H. Katholieke Kerk.
Telken dage woonde hij het hoogheilig
Misoffer bij en bad den H. Rozenkrans,
welken hij altijd bij zich droeg.
Kens zeide hij tot den Franschen
maarschalk < iramnionf »Met Gods ge-
nade heb ik reeds zeven veldslagen ge-
wonnen, zonder zelfs dat mijn paardje
verschrikt is geworden, of dat ik noodig
ha 1 mijn pistool te grijpen, — tenzij
ons den rozenkrans te bidden, welken
ik hieraan had vastgehecht.
7.   Andreas Hofer, de godvreezende
held, nam op het slagveld onder een
kogelregen zijn Rozenkrans in handen
en bad tot Maria, die schrik wekkend
is aan hare vijanden als een leger in
slagorde geschaard.
Na de schitterende overwinning door
de Tirolcrs behaald, den 29 Mei 1809,
kon een beroemde prediker den dappe-
ren krijgslieden te recht toespreken:
?\'t waren niet uwe kogels, dappere Ti-
ïolers, die de zege behaald hebben;
-ocr page 117-
en het Kijk harer Barmhartigheid. 111
\'t waren andere kogels, de koralen uwer
rozenkransen; deze hebben uwe vijanden
verslagen."
8. Een oude rozenkrans-generaal was
ook de vermaarde maarschalk, * vader\'\'
Radetski.
()[) zekeren dag, zat de grijze held
in het park van het koninklijk slot te
Milaan, toen eenige soldaten in zijne
nabijheid kwamen. Hen niet willende
storen in hun vroolijk gesprek, stond
hij op, om op eene andere plaats
te rusten. Eensklaps echter keert hij
terug en zag, dat de soldaten iets in
hunne handen hielden en hierover spot-
tende opmerkingen maakten. Toen de
veldmaarschalk hen genaderd was, groet-
ten zij eerbiedig. »Zóo, mijne kinderen"
sprak Radetski, «waarover vermaakt
gij u zoo"?
—   Vader, (zoo noemden hem de sol-
daten) was het antwoord, wij hebben
daar op dat bankje dezen rozenkrans
gevonden, en zouden wel eens gaarne
weten, wie hier den rozenkrans bidt,
want deze moet tocli een laf soldaat
zijn. —
—  Zoo, gij wilt dan den bezitter van
-ocr page 118-
ii2 Maria als Rozenkranskoningin
dezen rozenkrans leeren kennen was het
antwoord van den maarschalk: geeft
hem mij dan terug: want ik zelf heb
hem hier achtergelaten.
De spotters waren beschaamd, en
herinnerden zich, hoe vóór alle veld-
slagen de dappere generaal hen steeds
had opgewekt tot vertrouwen op God
en de liefdevolle Moeder Maria.
15 OCTOBEE.
zfïCatia, de- woudczdadiqc cHo^en-
ntanynonxna in.
■»Verhaalt til/t\' zijne wonderdode»"
I\'s. 104. 2.
\'xhft\'"ARIA HEEFT GEHOLPEN!
.J/jT MARIA ZAT, VOORTDUREND HULP
aanbieden! Zoo leest men op honderd-
duizenden votiefsteenen en tafels in alle
kerken, in alle heiligdommen aan de
allerzaligste Maagd gewijd, die hare
onbeperkte macht niet ongebruikt laat;
maar allerwege en ten allen tijde aan-
-ocr page 119-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 113
wendt, voor het lichamelijk en geestelijk
welzijn harer kinderen en vooral dier-
genen, die Haar op bijzondere wijze
vereeren door het schoone gebed van
den H. Rozenkrans.
Voorbeelden zonder tal geven hiervan
het treffendste getuigenis.
De WelEerw. Pater Cooke van de
Dominicaner-Provincie van Engeland
predikte onlangs een veertiendaagsche
missie te Appleton bij Warrington. Op
den sluitings-dag bezocht hem de pries-
ter, die met de leiding der s Katholieke
Congregatie" belast was, en zeide hem:
—   »Er loopt een gerucht, dat een
oude vrouw, lid onzer Congregatie mor-
gen tegen een uur na den middag zal
sterven."
■— sZoo," antwoordde de pater
lachend ... »het schijnt hier een land
van profeten te zijn."
—   j Dat niet," antwoordde de priester;
«maar men gelooft hier algemeen, dat
God die goede vrouw het leven spaart,
opdat zij hare gebeden verhoord zie. Zij
heeft een eenigen zoon. Sedert twintig
jaar heeft hij zijn christelijke plichten
niet waargenomen. En gedurende dien
8
-ocr page 120-
114 Maria als Rozenkranskoningin
tijd heeft zijne moeder niet opgehouden
door gebeden, tranen en verstervingen
zijne bekeering af te sir.eeken. Met vol-
harding en vertrouwen bidt zij, toch
niet te moeten sterven, voor zij van
haren zoon heeft vernomen, dat hij we-
der tot de Tafel der Heeren is gena-
derd. In de veertien jaren, dat ik hier
ben, heb ik haar ieder jaar meermalen
de laatste heilige Sacramenten toegediend;
omdat zij in stervens-gevaar was, maar
even zoo dikwijls zag ik haar, tegen
het gevoelen der doktoren in, weder
gezond worden. Zij heeft de vaste over-
tuiging, dat de goede God haar bede
zal verhooren. — Nu, zij weet het nog
niet, maar de geheele stad is er vol
van, dat haar zoon bij u is te biechten
geweest; en men veronderstelt, dat hij
morgen ook de H. Communie zal ont-
vangen. Als hij onderde laatste H. Mis
communiceert, kan hij omstreeks één
uur bij haar terug zijn; en nu is men
algemeen vangevoelen, dat /.ij van vreug-
de zal sterven, als zij van hem verneemt,
wat hij heeft gedaan. Inderdaad, het al-
gemeen gevoelen was een voorspelling.
Den volgenden morgen naderde hij
-ocr page 121-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 115
godvruchtig tot de Tafel der Heeren.
Toen hij te huis kwam, omhelsde hij
zijne moeder en sprak:
«Moeder, ik ben vandaag te Commu-
nie geweest." —
«Waarlijk, dierbaar kind? God zij
geloofd en geprezen. Mijn gebed is ver-
hoord; niets houdt mij meer in \'t leven
terug."
Vol vreugde omhelsde zij hem; en als
verhoorde God een tweede bede: »Laat
nu, o Heer, uw dienares in vrede gaan,"
stierf zij op hetzelfde oogenblik zacht
in de armen van haar bekeerden zoon.
Ja, Maria, de machtige Koningin van
den H. Rozenkrans heeft reeds zoo
menigeen geholpen en zal voortdurend
hulp aanbieden.
Knielt daarom neder voor haar troon,
verheft uwe oogen en handen tot de
Moeder der barmhartigheid en smeekt
Haar met den II. Francisctis van Sales:
Wees gegroet, o gelukzalige Maagd
Maria! wees gegroet, gij, het sieraad
van het hemelsch Jerusalem, de vreugde
van Israël, de glorie van geheel het
christenvolk. Als een machtig krijgs-
held strijdende, hebt gij onder uwen
-ocr page 122-
n6 Maria als Rozenkranskoningin
voet den kop vertreden van de ver-
vloekte slang, die Eva had verleid.
Wees gegroet, Maria, Moeder van
Gods Zoon, wien alle macht gegeven is,
in wiens naam alle knie zich buigt in
den hemel, op en onder de aarde. Als
de eerder op den Libanon, zoo verhe-
ven zijt gij, Maagdelijke Moeder van
den Allerhoogste. Schoor, zijt gij als
de maan, schitterend als de zon. Hij,
] )ic zetelt in het ongenaakbaar licht,
heeft zich gewaardigd in U te wonen.
Wees gegroet, Maria, luisterrijke sterre
der zee, die door uwen aanbiddelijken
Zoon de duisternis der zonde verdrijft;
die de kinderen van Adam gered hebt
van den eeuwigen ondergang! Door Je-
zus Christus, uwen Zoon, zijt Gij een
oceaan van genaden, waar de mensch
het heil zijner ziel met meer veiligheid
vindt, dan Noë zijn redding in de ark
tegen de wateren van den zondvloed.
M\'rrs gegroet, Maria, Vol van genade,
van genade, die heilig maakt: van ge-
nade, waarbij alle gaven des H. Geestes
U zijn ingestort.
Vol van genade zijt Gij in uw onbevlek-
te Ontvangenis. Vol van genade, want het
-ocr page 123-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 117
woord, dat God is, werd Vleesch, toen
de H. Geest U de volheid schonk van
de genaden des Allerhoogsten.
De lieer is met U. Om uwe vurige
liefde is God in U neergedaald, heeft
Hij zich een woonstede bereid in uwen
maagdelij ken schoot. Ook is met U de
heilige Geest,met U de Hemelsche Vader.
Gezegend zijt gij onder alle vrouwen.
Door de wonderbare werking der genade
Gods, die in U leeft en al uwe bewe-
gingen leidt, overtreft Gij alle vrouwen
des Ouden Verbonds; Rachel en Re-
becca overtreft Gij in geestelijke schoon-
heid; Judith in kracht en heiligheid;
Abigaél in verstand en in wijsheid. Zon-
der smart, met heilige vreugde hebt Gij
de oneindige Wijsheid gebaard.
En gezegend is de vrucht mus lichaams,
Jezus,
cle bron van ons leven, de boom
des heils, in Wien gezegend zijn alle
volkeren der aarde. Dezen goddel ijken
Zoon, Dien uwe ziel, o gezegende Maagd
prijst, verheft en verheerlijkt boven alles,
verheffen en verheerlijken ook wij boven
alles in U en met U. En al wat er groots
is in U en bewonderenswaardigs, dit
-ocr page 124-
118 Maria als Rozcnkranskoningin
heeft de Heer gemaakt, Wiens macht
en glorie eeuwig is.
Heilige Maria, Moeder Gods. Gij
zijt die gezegende aarde, die den Ver-
losser heeft voortgebracht. En omdat
Gij de Moeder zijt van God, hebt Gij,
na God zelf, aanspraak op al onzen
eerbied.
Bid voor ons, zondaars; want onze
zonden, wij belijden het, zijn ons boven
het hoofd gewassen en hebben ons als
een zware last bezwaard. Wij hebben
gezondigd tegen uwen Zoon en tegen
U; daarom roepen wij, o Moeder, uwe
voorspraak in, opdat wij bij uwen Jezus
genade vinden en barmhartigheid.
BH voor ons uu, gedurende onzen
pelgrimstocht door dit dal van tranen,
waar wij ronddwalen als op vreemden
grond, wij ongelukkige kinderen van
Kva, verbannen door den Heer. Bid
voor ons, opdat wij toch niet bezwijken
in zooveel ellende en wij niet verliezen
ons geliefd Vaderland daarboven.
Bid voor ons in het uur van onzen
dood,
wanneer wij hebben te strijden
tegen onzen vijanden, den boozen geest,
die rondgaat als een brieschende leeuw,
-ocr page 125-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 119
zoekende, wien hij zal verslinden.
O Moeder Gods, sta ons bij in die ure
met uwe nederige smeekingen bij God,
Wien het gebed des ootmoediger) altijd
welgevallig is, opdat wij mogen zegen-
vieren over de aanslagen des vijands;
dan zullen wij vrede vinden in uwen
Jezus.
Amen. Zoo geschiede het! Maria!
O zeg tot ons, wat gij gesproken hebt
tot den Engel Gabriël, toen hij U het
geheim der Menschwording aankondigde:
>U geschiede naar uw woord." Amen.
16 OCTOBER.
5)c o8toc?<i£.>cricip vaii 2<nt-
jf. Slc&cnfitan*.
»Bt\'mint </<■ broederschab"
1. Petr. 2. 17.
\'Tj^aat u gaarne opnemen in de broe-
■■•■!£ derschappen in uwe parochie op-
gericht, bijzonder in dezulke, wier heilige
oefeningen u de meeste geestelijke voor-
-ocr page 126-
120 Maria als Rozenkranskoningin
deden aanbieden; daardoor zult gij een
zekere gehoorzaamheid beoefenen, die
God op eene bijzondere wijze welge-
vallig is.
Ofschoon de Iverk niemand verplicht
om lid te worden van geestelijke ver-
eenigingen, desniettemin beveelt zij zulke
broederschappen aan, schenkt aan hare
leden menigvuldige allaten en voorrech-
ten, om daardoor haar verlangen te
kennen te geven, dat velen harer kin-
deren zich bij deze genootschappen
aansluiten.
\'t Kan mogelijk zijn, dat iemand voor
zich zelven even veel godsvruchtige oe-
feningen verricht, als gemeenschappelijk
in de broederschappen gedaan worden;
\'t kan ook voorkomen, dat iemand meer
genoegen er in vindt, de gebeden en
goede werken voor zich in het bijzon-
der te beoefenen; nochtans, door den
band, welke ons met onze broeders en
zusters, onze goede werken met de hun-
ne vereenigt, wordt ongetwijfeld de eer
van God meer bevorderd.
Door de opneming in de broeder-
schappen hebt gij dus niets te verliezen;
maar wel veel te gewinnen. Bijaldien
-ocr page 127-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 121
gij slechts zijt ingeschreven, zijt gij ook
lidmaat, en de andere medeleden bid-
den voor ti.
Deze troostvolle woorden van den
H. Franciscus van Sales zijn om zoo
te zeggen, gevloeid uit het zoetste hart
van Maria, onze dierbare Moeder en
Koningin; zij vooral koestert het grootste
verlangen, dat al hare kinderen tot de
eene of andere broederschap der heili-
ge Katholieke Kerk en op geheel bij-
zondere wijze, tot de broederschap van
den allerheiligsten Rozenkrans behooren.
En om welke redenen ?
Omdat de Koningin van den aller-
heiligsten Rozenkrans, in de Broeder-
schap aan Haar in \'t bijzonder toege-
wijd, den geloovigen de grootste gena-
deschatten kan en wil mededeelen om
alzoo hare kinderen, voor eeuwig rijk
en gelukkig te maken.
1, Welke heerlijke vruchten brengt de
Broederschap van den heiligen Rozen-
krans voort\'.
Even als de eerste christenen ten tijde
der Apostelen, maken hare medeleden
slechts één hart en ééne ziel uit; in eene
-ocr page 128-
122 Maria als Rozenkranskoningïn
geestelijke gemeenschap van goederen
leven zij als broeders onder elkander,
en allen worden deelachtig aan de tal-
looze goede werken en verdiensten, die
zij voortdurend verrichten.
Zij komen te zamen in het huis van
God, omringen gemeenschappelijk het
altaar en den troon van Maria, wekken
zich op tot het goede door het aanhoo-
ren van Gods woord, bidden voor elkan-
der en voor de afgestorven broeders en
zusters, geven aalmoezen aan de behoef-
tigen en dragen liefderijk bij tot versie-
ring van Gods tempel en Maria\'s heilig-
dom en ondersteunen elkander tot in
den dood, door gebeden, christelijke
liefde en broederlijke dienstvaardigheid.
»C.\' hoe goed en hoe aangenaam is
het, als broeders Ie zamen te wonen."
i)
■hEen broeder, die door zijn broeder
geholpen, wordt, is als eene sterke stad. 2)
Hebben allen niet één Vader, ééne
Moeder, wien al hun vertrouwen, al
hunne liefde geschonken is!
Waar vindt men onder de menschen
1)  Ps. 132. 1.
2)  Spr. 18. 19.
-ocr page 129-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 123
op aarde eene vereeniging, die zulke
zalige en zekere doeleinden beoogt en
bereikt, als de broederschap van den
Heiligen Rozenkrans ?
Welke troostvolle gerustheid verleent
ze u in het stervensuur, een kind te zijn
van Maria, aan de Rozenkranskoningin
als Haar eigendom toe te behooren!
2.   Hoe oud is de Broederschap van
den H. Rozenkrans?
Reeds in het jaar 1221 bestonden in
Spanje verscheidene broederschappen;
in dezelfde eeuw werden ze in vele
steden van Italië opgericht, en in Duitsch-
land werden reeds ten tijde van den
H. üominicus, kerken, kapellen en al-
taren toegewijd aan de Koningin van
den H. Rozenkrans.
3.   Hoe groot is hel aantal medeleden
dezer schoone en heilzame vereeniging?
»7>/, zoo gij h/nt, de sterren" 1)
even zoo min kan men het overgroot
getal tellen der kinderen van Maria, in
de broederschap van den H. Rozen-
krans; bij alle volkeren, in alle eeuwen,
1) On. 15. 5.
-ocr page 130-
124 Maria als Rozenkranskoningin
onder alle standen, niet slechts land-
lieden, arbeiders of daglooners, maar
ook burgers, adellijken, graven en vorsten,
koningen en keizers, priesters, bisschop-
pen en Pausen: mannen van kunst en
wetenschap sloten zich hierbij aan en
werden nederige kinderen der Hemel-
koningin, die zij dagelijks met een god-
vruchtig rozenkransgebed vereerden.
])e Pausen Innocentius V, Benedictus
XI, de H. Pius V, Gregorius XIII, Cle-
mens IX, Pius VII waren allen mede-
leden van de rozenskransbroederschap;
eveneens Keizer Frederik III, Maximi-
liaan I en Karel V; van de Koningen
van Frankrijk: Hendrik II, Frans IT,
Karel IX.
Van Portugal: Hendrik I, Alphonsus
V, die meermalen in den ministerraad
zeide: Laat ons de allerheiligste Maagd
aanroepen, opdat haar rozenkrans mij
helpe in het bestieren van mijn rijk."
Van Spanje: Koning Philippus II, die
tot zijn zoon de volgende woorden richtte:
»Wilt gij uw rijk bewaren en in vrede
behouden, draag dan steeds den rozen-
krans bij u."
Van Bohemen: Koning Johannes, die
-ocr page 131-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 125
de predikers van den H. Rozenkrans,
de beste hervormers van zijn rijk noemde.
Van de oude republiek van Venetië:
de Senaat zelf, die plechtig verklaarde:
*Noch de generaals, noch het leger, noch
de wapenen., maar Onze Lieve Vrome
van i/en II. Rozenkrans luefl ons de
overwinning doen behalen"
De "universiteiten van Salamanca en
Parijs legden onder eed het getui-
genis af, dat naar hun gevoelen, door
de talrijke leden der broederschap van
den H. Rozenkrans, Spanje en Frank-
rijk in het heilig katholiek geloof be-
waard bleven, terwijl de ketterij aller-
wege zulke rampzalige verwoestingen
aanrichtte.
Uit oude registers van de jaren
1475—1479, geeft aan de Eerw. Pater
Leikes eene opgave van leden, die in
eenige steden tot de Broederschap van
den Rozenkrans behoorden. Zoo bijv.
telde Aken 13.000 leden; Straasburg 4128;
Augsburg 32.000; Basel 7464; Brussel
2000; Luik 5300; Mainz en Frankfort
7280; Ulm 4000; Zutphen meer dan
4000 leden.
In vele gemeeten was de geestelijkheid
-ocr page 132-
126 Maria als Rozenkranskoningin
met de gansche parocliie in de broeder-
schap ingeschreven; eveneens de meeste
kloosters van Duitschlaiid, Frankrijk,
Engeland en Italië en vele bisschoppen
met al hunne priesters.
Besluit hieruit, zoodra mogelijk tot
de schoone broederschap van den 11. Ro-
zenkrans toe te treden. Is het u onbe-
kend, op welke wij/e zulks geschiedt,
dan zal ongetwijfeld uw geestelijke her-
der of uw biechtvader u met liefde te
hulp komen en zich gelukkig achten,
aan de machtige Koningin van den
II. Rozenkrans, een nieuwen vereerder
te hebben bezorgd.
17 OCTOBEE.
^IVccï ooi: Ct\'ii ijivziq fit? dei
eHoï>cnfiians-(->toc?ciic(\\a
p.
•aDof trtt\'/ ijver wat «we
nhaud verrichte» /ut»."
Pred. 9. 10.
j-^pelken dage verkoiKiigen millloenen
t?JK stemmen op aarde den lof van
-ocr page 133-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 127
Maria door het heilig gebed van den
Rozenkrans.
Alle dienaren dezer machtige en lief-
devolle Koningin, leggen hunne tijdelijke
en eeuwige belangen in hare handen,
want nooit is het gehoord, dat zij
iemand verstooten of niet geholpen heeft
die met een kinderlijk vertrouwen zijn
toevlucht nam tot haar moederhart.
Gij, die als lid der Broederschap van
den II. Rozenkrans, ook deelneemt aan
de uitverkoren schare der kinderen van
Maria, beijver u steeds uit al uwe krach-
ten, dezer groote genade waardig te
worden.
Tracht alle verplichtingen der ver-
eeniging naar behooren te vervullen en\'
in haar geest te handelen.
1. Welke zijn de verplichtingen der
Broederschap van den JI. Rozenkrans!
A. Men moet zich in het register
eener kanoniek opgerichte broederschap,
door een daartoe gevolmachtigd priester
laten inschrijven.
13. De eenige verplichting der leden
is, wekelijks eenmaal den ganschen Ro-
zenkrans van
15 tientjes te bidden* hier-
-ocr page 134-
128 Maria als Rozcnkranskoningin
toe een gewijden rozenkrans te gebrui-
ken en de vijftien geheimen eenigen tijd
te overwegen.
Wanneer de rozenkrans gezamenlijk
gebeden wordt, is het voldoende, als er
slechts een enkel, bijv. de voorbidder,
een gewijden rozenkrans gebruikt.
Volgens de verklaring van Pius IX, 22
Jan. 1858 is het niet noodig den geheelen
rozenkrans op een en denzelfden dag te
bidden; maar kan men zulks doen in drie
of meerdere malen; ook kan men het ge-
bed na elk tientje onderbreken; \'t is slechts
vereischt dat men op het einde der week
een rozenkrans van 15 tientjes gebeden
heeft, om deelachtig te worden aan de
aflaten der broederschap.
De rozenkrans moet bestaan uit vijf,
tien of vijftien tientjes en gewijd zijn
door een Pater Dominicaan, of een
priester, die van den Paus of den Ge-
neraal der Dominicanenorde, de noodige
volmacht hiertoe ontvangen heeft.
Het gebruik van een zoo gewijden
rozenkrans, alsmede de inschrijving in
het register der broederschap, zijn nood-
zakelijke voorwaarden om de aflaten te
kunnen verdienen.
-ocr page 135-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 129
Alle geloovigen van beider geslacht,
ook kinderen, die genoegzaam onder-
richt en ontwikkeld zijn om den rozen-
krans te bidden, kunnen in de broeder-
schap worden opgenomen.
De leden, die den wekenlijschen ro-
zenkrans niet bidden, maken zich daar-
door niet schuldig aan zonde, maar be-
rooven zich slechts van vele aflaten,
terwijl zij als medeleden deel blijven
hebben aan de talrijke gebeden, verdiens-
ten en goede werken van millioenen
broeders en zusters.
Grootelijks bedriegen zich derhalve
degenen, die van de broederschap geen
deel willen maken, omdat zij wekelijks
den rozenkrans niet regelmatig kunnen
bidden.
2. Welke is de geest der Broederschap
van den H. Rozenkrans?
Overeenkomstig de statuten van de
A artsbroederschap van den H. Rozen-
krans, is haar doel geen ander clan het
heil der zielen, tot meerdere eer van
God en der Allerzaligste Maagd Maria;
een voortdurend streven naar de chris-
telijke volmaaktheid, door een getrouwe
9
-ocr page 136-
130 Maria als Rozcnkranskoningin
beoefening der godsvrucht tot de H. Ro-
zenkranskoningin.
Om dit doel des te eerder en zeker-
der te bereiken, wordt den leden bij-
zonder aanbevolen: de algemeene com-
munie op den eersten Zondag van elke
maand; het beoefenen van ware christe-
lijke deugden, het aanhoudend gebed
voor de bekeering der zondaars, ketters
en ongeloovigen.
Wees derhalve een vurig en ijverig
lid dezer broederschap. Eene enkele
ijverige ziel kan meer doen alléén, dan
duizend onverschillige nienschen te za-
men, Itegrijp wel, van hoeveel belang het
gebed is voor onze H. Katholieke Kerk.
Zijn er niet millioenen schapen buiten
den éénen veiligen schapstal, op dwaal-
wegen zwervend, geen gehoor gevend
aan de stem van den goeden Herder,
en in gevaar in den eeuwigen afgrond
te vergaan!
Zijn er hedendaags niet even zoovele
katholieken, die afgeweken van den weg
der goddelijke gebeden, voortdurend
in groote zonden leven en Gods wraak
over zich afroepen?
O! hoevele groote zondaars verschij-
-ocr page 137-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 131
nen dagelijks voor den rechterstoel van
den alwetenden, rechtvaardigen en zoo
zwaar beleedigden God! In het uur van
sterven willen er velen, helaas, van be-
keering niets weten, of wel het is eene
schijnbekeering, of wel, God, die ons
door zijn evangelie waarschuwt: waakt^
want gij weel noch den dag, noch het
uur"
roept hen plotseling op ten oordeel!
Wie is er dan, die kan helpen en
redden, wanneer geene menschelijke
hulp meer mogelijk is?
O! de liefderijke Koningin van den
H. Rozenkrans, zij kan, zij zal redding
aanbrengen, bijaldien gij Haar ootmoe-
dig smeekt en zoo gij als een ijverig me-
delid harer broederschap, godvruchtig
den rozenkrans bidt voor het heil der
zielen, voor de bekeering der zondaars,
voor bijstand aan hen, die den dood-
strijd strijden.
Met de gouden keten van heilige
Wees-Gegroeten kunt gij den arm van
Gods gerechtigheid tegenhouden, opdat
Hij de zondaars niet oogenblikkelijk
treffe, maar aan die ongelukkiger), ver-
blinden en verdwaalden, de genade
-ocr page 138-
132          Maria als Rozcnkranskoningin
schenke der bekeering en boetvaardig-
heid.
De Heilige Maagd zal medelijden ge-
voelen voor die arme zielen, die ook
vrijgekocht zijn door het kostbaar bloed
van haar Goddelijk Kind; zij zal hel-
pen, ook daar waar alle hoop reeds
lang vervlogen is. Met den rozenkrans
kunt gij de gansche wereld omvatten,
en alle menschen in uw gebed insluiten.
Voor aleer gij het rozenkransgebed
begint, stel u eerst in Gods aanbidde-
lijke tegenwoordigheid en verplaats u
in den geest, voor den genadetroon der
Hemelkoningin, en maak eene oprecht
goede meening, bij voorbeeld, op de
volgende wijze:
O mijn God! neem goedgunstig het
gebed aan van een armen zondaar, ik
draag het U op, tot uwe meerdere eer
en aanbidding, tot dankzegging voor
alle weldaden, die ik van uwe oneindige
goedheid, naar lichaam en ziel ontvan-
gen heb; tot verheerlijking Uwer heilige
Moeder Maria en aller lieve Heiligen,
bijzonder van den II. Vader Dominicus
en mijne heilige Patronen; en ook tot
vergiffenis mijner zonden.
-ocr page 139-
en liQt Rijk harer Barmhartigheid. 133
Tevens bid ik U door dezen H. Ro-
zenkrans, o mijn barmhartige God, voor
alle medeleden dezer broederschap, op-
dat zij door Maria\'s voorspraak en be-
scherming, in uwe genade leven en
sterven. Verder bid ik U, voor alle
arme zondaars, opdat zij zich bekeeren;
voor alle noodlijdenden en zieken, opdat
zij hulp en troost ontvangen, bijzonder
voor N. N.; voor alle arme zielen des
vagevuurs, opdat zij verlost worden,
in de vreugde des Heeren ingaan, en
U in de eindelooze eeuwigheid loven,
danken en beminnen. Ik bid en smeek
U voor onze gansche, heilige katholieke
Kerk voor Paus en bisschoppen, voor
priesters en volk, opdat allen één zijn
111 gïloof en liefde en zich eeuwig mo-
gen verheugen in uwe heerlijkheid. Amen.
-ocr page 140-
134 Maria als Rozcnkranskoningin
18 OCTOBEE.
tyeincua u ovcv de -tioytvaic -uoot-
tccnten 2ci Sbiocèeisctuxo van
den 3f. Sieren fWam.
n Vergadert 11 schatten
hl iten hemel."
Matth. 6. 20.
\'M5& Maria! wie kan U naar waarde
Vgft prijzen en danken, Gij, die door
uwe overgroote verdiensten de gansche
bedorven wereld, zoo edelmoedig te
hulp komt."
Deze woorden van den H. Augusti-
nus (Serni. de Assumpt. 15. V.) kunnen
vooral de kinderen van de Rozenkrans-
koningin, als medeleden harer Aarts-
broederschap, met vreugdige harten
herhalen; zij immers worden de kost-
baarste genaden en voorrechten deel-
achtig, wier hooge waarde zij eerst in
het stervensuur en in de eeuwigheid,
in hun ganschen omvang zullen schatten.
De drie voornaamste voorrechten zijn:
-ocr page 141-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 135
1.  De geestelijke gemeenschap van
goederen.
2.  Het H. altaar van den Rozenkrans,
3.  De H. Mis van den Rozenkrans.
1. De geestelijke gemeenschap van
goederen.
Alle leden, die in de Aartsbroeder-
schap zijn ingeschrevn en wekelijks een
derde deel van den Rozenkrans, aldus
een rozenhoedje van vijf tientjes bid-
den, hebben, krachtens Apostolische
goedkeurig en toestemming der gansche
Predikorde, deel aan alle geestelijke
goederen en verdiensten, namelijk: de
H. Missen, gebeden, predikingen, onder-
richtingen, vasten, boetvaardigheid, alle
oefeningen van deugd der drie orden
van den H. Dominicus en van alle
medeleden der rozenkrans-broederschap
in de wereld.
Insgelijks verheugen zij zich en hunne
afgestorven ouders in een groot aandeel
aan alle verdiensten der strijdende kerk
op aarde.
Dit gemeenschappelijk erfdeel, tegelijk
met de bijzondere voorspraak van tal-
looze heiligen, die in hun aardsche leven
-ocr page 142-
136 Maria als Rozenkranskoningin
tot de broederschap behoorden, is een
schat van onberekenbare waarde en de
voornaamste genade van de geheele
broederschap.
Deze vereeniging is derhalve als een
groote, gemeenschappelijke familie, welke
God tot Vader, en Maria tot Moeder
heeft, in welke ieder lid zijn aandeel
heeft in den rijkdom, in de verdiensten
der anderen, zoodanig zelfs, dat in deze
levende keten het ontaarde kind genade
ontvangt ter wille van het goede; de
vijand gespaard wordt ter wille van
den vriend, gelijk de H. Auggstinus
door de tranen zijner heilige moeder
Monica, van een groot zondaar tot een
heiligen bisschop in Gods Kerk her-
boren werd.
Welk een rijkdom van genaden! Wat
zijn alle schatten, rijkdommen, kostbaar-
heden der aarde waardeloos, als gij ze
vergelijkt met eene enkele genade, welke
de algoede God, u door de broederschap
van den H. Rozenkrans, tot heil uwer
onsterfelijke ziel mededeelt!
Kan ooit hét vergankelijke met het
eeuwige, het aardsche niet het hemelsche
vergeleken worden?
-ocr page 143-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 137
O! met welk vreugdevol hart kunt
gij dank zeggen aan de verhevene Ko-
ningin van den H. Rozenkrans, onze
lieve Moeder Maria, dat ook gij haar
kind zijt geworden door in te treden in
hare broederschap.
II. Het altaar van den H. Rozen-
krans
is voor alle priesters, die mede-
leden zijn der broederschap en voor
een afgestorven lid de H. Mis opdragen,
bevoorrecht, een altare privilegretum.
(Innoc. XI. 31 Juli 1679.)
Hetzelfde altaar heeft ook dit voor-
recht als de H. Misgelezen wordt, voor
een niet-lid. C14 April 1856.)
Dit voorrecht is echter niet persoon-
lijk, maar plaatselijk, zoodat het alletn
bestaat daar waar zich een rozenkrans-
altaar bevindt.
Paus Pius IX heeft dit voorrecht uit-
gestrekt tot alle priesters, ook wanneer
deze geen lid zijn der broederschap, op
voorwaarde echter dat in dezelfde kerk
geen ander bevoorrecht aldaar bestaat.
Deze aflaat kan ook toegevoegd wor-
den aan afgestorvenen, die geen deel
uitmaakten der broederschap, doch hij
is slechts geldig voor ééne arme ziel.
-ocr page 144-
138 Maria als Rozenkranskoningin
III. De Mis van den H. Rozenkrans,
»Salve Radix Sancta," waaraan bijzon-
dere aflaten verbonden zijn, mag door
de priesters der Dominicanen-Orde, ook
door degenen, die tot de derde Orde
van den H. Dominicus behooren, met
toestemming van den Generaal der Orde;
en door de seculiere geestelijkheid met
verlof van den Paus gelezen worden.
Dit kan geschieden eiken Woensdag en
Zaterdag, exceptis festis 1 en 2 cl de
pratcepto, feria, vigilia, octava privile-
giata, festiv. B. M. V. et infra hanc
octavare.
De gewichtige genadebrief van Paus
Clemens X, gegeven te Rome den 16
Febr. 1671, op het dringend verzoek
van Koning Karel II van Spanje en
diens moeder Maria Anna, luidt als volgt:
»Alle priesters, van welken stand of
orde, aan wie door den Pauselijken
Stoel is toegestaan deze H. Rozenkrans-
mis te lezen, zoo dikwijls zij deze lezen;
verder alle kloosterlingen der Predik-Or-
de van beider geslacht, ook van de 3de
Orde, en alle broeders en zusters der
broederschap van den hoogheiligen ro-
zenkrans, op alle plaatsen der wereld,
-ocr page 145-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 139
hetzij deze broederschap reeds is opge-
richt, of op latere tijden behoorlijk op-
gericht worde — deze allen, wanneer
zij na eene goede biecht of minstens
met een rouwmoedig voornemen om te
biechten, alzoo met een volmaakt be-
rouw over hunne zonden, deze heilige
Mis bijwonen en alsdan bidden voor
het welzijn der H. Katholieke Kerk,
voor de uitroeiing der ketterijen en voor
de eenheid der christen-vorsten, worden
deelachtig aan alle genaden en aflaten,
welke aan het bidden van den gansenen
rozenkrans verleend zijn. Bovendien kun-
nen allen bovengemelden, wanneer zij
de heilige gewoonte hebben — de pries-
ters, deze H. Mis te lezen — de anderen,
dezelve dikwijls bij te wonen — na ge-
biecht en gecommuniceerd te hebben
eenigen tijd bidden tot intentie der Kerk,
elke maand eenmaal de aflaten deelach-
tig worden, welke deze broederschap
verleent aan hare leden, die de gewone
processién begeleiden. Al deze aflaten
kunnen worden toegevoegd aan de zie-
len des vagevuurs.
Hoe gelukkig zijn toch de medeleden
dezer, aan de genadeschatten des hemels
-ocr page 146-
140 Maria als Rozenkranskoningin
zoo rijke broederschap van den H. Ro-
zenkrans!
Laten wij steeds onze liefderijke Ko-
ningin dank zeggen, die ons al deze
zegeningen van haar Goddelijken Zoon
verworven heeft;want geene genade, tenzij
door Maria.
O, allerzaligste Koningin van den
H. Rozenkrans, gedoog dat ik U aan-
roepe met de woorden van den H. K-
ïjhrem:
*Sta mij immer bij,barmhartige Maagd;
wend in dit leven als eene ijvervolle
beschermster en helpster, eiken vijande-
lijken aanval van mij af en geleid mij
ter eeuwige zaligheid; in het laatste
oogenblik mijns levens, verdedig dan
mijne ziel in den hevigen strijd tegen
den boozen vijand; en op den vreeselij-
ken oordeelsdag, behoed mij van de
eeuwige verwerping en stel mij aan als
erfgenaam van de eeuwige heerlijkheid
van Uwen Goddelijken Zoon. Amen.
-ocr page 147-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 141
19 OCTOBER.
Scet ootdoenina vooi de z>oi\\dc\\i
uit den tij fïm »chat 2ci Jf.
dUatcn vooi u en de
atmc «ic-fcu.
•Bij mij zijn rijkdommen tu
•onmetelijke goederen.**
. Spr. 8. .8.
^T^ene onschatbare weldaad bewijst ons
?3g| de Katholieke Kerk, de bewaarster
der goddelijke geheimen, de draagster
der sleutelen van het hemelrijk, dat zij
voor hare kinderen den rijken en onuit-
putbaren schat der heilige aflaten opent.
De aflaten zijn de vrucht van Jezus\'
bloed en lijden, de vrucht van de ver-
diensten en smarten der H. Moeder
Gods, der boete en marteling van alle
Gods lieve Heiligen.
Zij zuiveren onze ziel van de over-
blijfselen der zonde, dewijl zij voor onze
schulden aan de goddelijke rechtvaar-
digheid voldoen; zij noodigen ons uit,
-ocr page 148-
142 Maria als Rozenkranskoningin
voortdurend in staat der heiligmakende
genade te leven en werken van gods-
vrucht, liefde en versterving te verrich-
ten; zij verkorten voor ons den tijd van
straf in het andere leven, of behoeden
ons geheel en al tegen dat lijden; zij
zijn eindelijk voor ons een der beste
middelen, de zielen der afgestorvene
ouders, bloedverwanten, vrienden en wel-
doeners te troosten, en hunne intrede
in den hemel in het land van zaligheid,
licht en vrede, te bespoedigen.
Met welke groote vreugde en dank-
baarheid, zal daarom het kind der Ro-
zenskran-koningin in hare heilige broe-
derschap uit dezen rijken schat der
aflaten putten, dewijl er bijna geene
vereeniging bestaat, waaraan de JCerk
zoo menigvuldige en groote aflaten ver-
leend heeft.
Geef daarom der goddelijke gerech-
tigheid voldoening voor uwe schulden
en wel uit deze rijke schatkamer; bid
ijverig den H. Rozenkrans, verricht vele
goede werken, en niet slechts zult gij
aan legioenen van arme zielen de deu-
ren des hemels ontsluiten, maar gij zelf
zult daardoor de felle pijnen des vage-
-ocr page 149-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 143
vuurs ontgaan kunnen, of zeer zeker
den tijd van kwelling en lijden verkor-
ten, en daaruit gered worden door uwe
liefderijke Moeder in den hemel, onze
H. Koningin van den Rozenkrans, die
u zal opnemen onder het getal der En-
gelen en gelukzaligen.
Om uwen godvruchtigen ijver in het
bidden van den H. Rozenkrans nog
meer op te wekken, laten wij hier eenige
aflaten volgen, verleend of bevestigd door
meerdere Pausen, o. a. door den H. Pius
V, Sixtus IV, Gregorius XIII, Innocen-
tius XI, Pius VII, en Pius IX.
(Deer. 31 Juli 1679; 12 Mei 1851,
iS Sept. 1862; 25 Febr. 1877.)
I. VOLLE AFLATEN.
Algemeene voorwaarden: Plet ont-
vangen der HH. Sacramenten en een
gebed volgens de meening van Z. H.
den Paus.
De regelmatige wekelijksche biecht is
voldoende om alle in de week voorko-
mende aflaten te verdienen.
Daar, waar geene bijzondere voor-
-ocr page 150-
144 Maria als Rozcnkranskoningin
waarden zijn aangegeven, zijn de alge-
nieene voldoende.
I.   Üp den dag der inschrijving of
den volgenden zon- of feestdag twee
volle aflaten:
Voorwaarden: Inschrijving in het re-
gister der broederschap, Heilige Com-
munie in de kerk der broederschap en
het bidden van een rozenkrans.
II.   In het uur des doods, zes volle
aflaten:
Voorwaarden: i. Het ontvangen der
H. Communie als teerspijs; 2. Oefening
van geloof en opdracht aan de allerza-
ligste Maagd.
3.  Generale absolutie van den H. Ro-
zenkrans door een bevoegd priester.
4.   Dezelfde van den bestuurder der
Broederschap.
5.  Aanroeping van den Zoeten Naam
Jezus.
6.   De stervende houdt de gewijde
rozenkranskaars in de handen.
III. Op eiken eersten Zondag van iedere
maand, vijf volle aflaten.
Voorwaarden: 1. H. Communie in de
kerk der broederschap.
-ocr page 151-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 145
2.  Bezoek aan het altaar van den
H. Rozenkrans.
3.   Persoonlijk deelnemen aan de pro-
cessie.
4.  Daarna bezoek aan de Rozenkrans-
kapel en gebed tot intentie van zijne
Heiligheid.
Deze aflaten kunnen verdiend worden
door de leden die verhinderd zijn deze
voorwaarden te vervullen, mits zij een
rozenkrans bidden met de meening de
H. Sacr. bij gelegenheid te ontvangen.
De zieken bidden slechts een rozen-
krans.
IV.   Op den laatsten zondag van elke
maand, twee volle aflaten.
Voorwaarden: Het bezoek eenerkerk.
V.  Eens in de maand, twee volle
aflaten, op dagen naar verkiezing.
Voorwaarden: Eene dagelijksche over-
weging van minstens één kwartier uurs.
VI.  Dagelijks een volle aflaat, voor
het bidden van den ganschen rozenkrans.
VII.  Op het Paaschfeest, Hemelvaarts-
dag en Pinksteren, drie volle aflaten.
Voorivaarden: 1. Bezoek aan het al-
taar van den H. Rozenkrans.
xo
-ocr page 152-
146 Maria als Rozenkranskoningin
2.  Bezoek aan vijf altaren eener kerk,
of vijf bezoeken aan één altaar.
3.  Bezoek eener kerk.
VIII. Op de voornaamste feestdagen van
O. L. V. namelijk de Onbevl. Ontvan-
genis, O. L. V. Lichtmis, Boodschap,
Visitatie, Hemelvaart, Geboorte, en
Opdracht, of wel onder de Octaaf dezer
feestdagen, drie volle aflaten.
Voorwaarden: 1. Bezoek aan het al-
taar van den H. Rozenkrans. 2. Bijwo-
nen der processie of van het gebed van
den Rozenkrans. 3. Het bezoeken eener
kerk.
IX.  Op den feestdag van den H. Ro-
zenkrans, den eersten Zondag van Oc-
tober, vijf volle aflaten zooals n° 3.
Verder volle aflaat, gelijk aan den
Portiuncula-aflaat, toties, quoties, d. i.
volle aflaat, zoo dikwerf een lid der
Broederschap, vanaf den vooravond van
het feest tot zonsondergang van den
feestdag, de rozenkrans-kapel bezoekt en
aldaar bidt tot intentie van Z. H. den
Paus.
X.    Onder de octaaf van het Rozen -
kransfeest, op een dag naar verkiezing,
-ocr page 153-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 147
volle aflaat, voor het bezoeken der Ro-
zenkrans-kapel.
XI.  Op eiken feestdag, waarop een
geheim van den allerheiligsten Rozen-
krans gevierd wordt, volle aflaat. Be-
zoek aan het altaar van den II. Rozen-
krans.
XII.  Op eiken der vijftien Zaterdagen
welke het feest van den H. Rozenkrans
voorafgaan, twee volle aflaten.
Voorwaarden: 1. Het bijwonen der
H. Mis van den Rozenkrans (»Salve
radix sancta") met het voornemen om
te biechten.
2. H. Communie in de kerk der Orde.
Deze aflaten kunnen ook verdiend
worden, onder dezelfde voorwaarden\' op
vijftien Zaterdagen naar verkiezing.
Pius IX. Daarenboven op drie dezer
Zaterdagen, naar verkiezing, nog een
derde volle aflaat.
XIII.  Op eiken der vijftien Dinsdagen
ter eere van den H. Dominicus, den
stichter van den H. Rozenkrans, een
volle aflaat.
Voorwaarden: Het bijwonen der gods-
dienstoefening.
XIV.   Op eiken feestdag der Heiligen
-ocr page 154-
148 Maria als Rozenkranskoningin
van de Orde des H.
Dominicus, een
volle aflaat.
Voorwaarden: Het
bezoek der kerk
van de H. Orde, of
der daartoe be-
voorrechte broederschapskerk.
Deze feestdagen zijn
H. Raymundus . .
. . 23 Januari;
H. Catharina v. Ricc
13 Februari;
H. Thomas v. Aquine
. 7 Maart;
H. Vincentius Ferreriu
5 Aprü;
H. Agnes v. Montep.
. 20 »
H. Petrus Mart. .
29 »
H. Catharina v. Siëna.
■ 3° »
H. Pius V, Paus .
5 Mei;
H. Antoninus . . .
. 10 »
H. Joannes Mart.
9 Jui\';
H. Dominicus. . .
4 Augustus;
H. Hyacinthus . .
16 »
H. Rosa v. Lima .
30 »
H. Dominicus Sor.
15 Sept;
H. Ludov. Eertrandus.
10 Oct.;
Feest van alle Heiligen
der Orde.....9 Nov.
XV. Op Nieuwjaarsdag, drie Zondagen
in April, op eiken Zondag van de vas-
ten, op twee Vrijdagen der vasten naar
verkiezing, een volle aflaat in elke kerk.
Op het feest der H. Drievuldigheid,
-ocr page 155-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 149
van het H. Sacrament, van den H. Naam
van Maria en den Patroon der Kerk,
alsmede voor het bijwonen van de vier
jaargetijden der Orde, zijnde den 3 Fe-
bruari, 13 Juli, 5 Sept. en 10 Novem-
ber, een volle aflaat in de kerk der
broederschap.
XVI.   Alle aflaten der Brigittijnsche ro-
zenkransen.
XVII. Het rozenkrans-altaar is vooralle
priesters, die tot de broederschap be-
hooren bevoorrecht ten gunste van alle
zielen in het vagevuur. De Missa de
Requiem is vereischt, wanneer de ker-
kelijke rubrieken haar veroorloven.
De medeleden, die in kloosterlijke
clausura leven, kunnen al deze aflaten
verdienen aan het altaar hunner kerk
of kapel. (Pius IX. 1871.)
Bijaldien eene feestviering verschoven
wordt, geschiedt dit insgelijks met de
aflaten aan dien feestdag verbonden.
II. GEDEELTELIJKE AFLATEN.
Uit het groot aantal dezer aflaten
zullen wij er slechts eenige laten volgen:
1. Voor het gedurig bij zich dragen
-ocr page 156-
15P Maria als Rozenkranskoningin
van een gewijden rozenkrans, dagelijks
200 jaren en 200 quadragenen.
2.  Zoo dikwerf men vijf tientjes ach-
tereenvolgens bidt: telken male 10 jaren
en 10 quadragenen; deze aflaten zijn
door Pius IX verdubbeld, wanneer het
rozenkransgebed gezamenlijk, met 100
jaren vermeerderd als het aan een
gewijden rozenkrans, met 50 jaren en
50 quadragenen verrijkt, wanneer het-
zelve het altaar van den H. Rozenkrans
of bijaldien dit ontbreekt, in eene kerk
verricht wordt.
Voor elk »Onze Vader" en elk «Wees
Gegroet", 100 dagen aflaat en 10 jaren
en 10 quadragenen.
3.  Voor het bidden van den ganschen
rozenkrans op een en denzelfden dag,
nog bijzondere volle en gedeeltelijke
aflaten.
4.  Aan verschillende goede werken,
welke men verricht, zijn aflaten ver-
bonden.
Het is derhalve raadzaam, \'s mor-
gens de goede meening te maken alle
aflaten te willen verdienen, welke men
gewinnen kan.
Voor allen, zegt de H. Ignatius, die
-ocr page 157-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 151
Gods liefde en den hemel zoeken, zijn
de aflaten een onmetelijke schat en
kostbare edelgesteenten.
Vergeet daarom de arme zielen en U
2elven niet, schenk voldoening aan de
goddelijke Rechtvaardigheid voor uwe
zonden en schulden, door de heilige
aflaten der broederschap van den H. Ro-
zenkrans, en verheug u over de woorden
welke de goddelijken Zaligmaker eens
sprak tot de H. Gertrudis, die al hare
goede werken en alle aflaten toevoegde
aan de zielen des vagevuurs:
»Heb goeden moed, Gertrudis, zoo
sprak de Heiland, want uwe groote
liefde tot de arme zielen, was mij zoo
welgevallig, dat gij na uwen dood van
het vagevuur zult bevrijd blijven; ja,
ik zal u door mijne geliefde bruiden,
die gij door uw gebed uit het vagevuur
bevrijd hebt, den hemel doen binnen-
leiden."
-ocr page 158-
152 Maria als Rozenkranskoningin
20 0CT0BER.
©e eeuwiad menden Slo&en-kian».
»De goedertierenheid des //eeren, ik
•nivil haar eeuwiglijk bezingen"
Ps. 88. 2.
^IWe liefde tot Jezus in zijn aanbidde-
*3|ÖB lijk Altaargeheim had den eerbied-
waardigen Pater Le Quieu uit de Orde
van den H. Dominicus aangespoord,
te Marseille in den jare 1634, de altijd-
durende aanbidding van onzen Heer in
zijn H. Tabernakel te prediken, en eene
vereeniging tot dit godvruchtig doel te
stichten.
Reeds den 1 Januari van het daar-
opvolgende jaar, verkondigde Petronius
Martini uit dezelfde Orde der Predik-
heeren te Bologna aan het graf van den
H. Dominicus, de onafgebroken veree-
ring van Maria door middel van den
H. Rozenkrans, en arbeidde met een
vurigen ijver aan den bloei der vereeni-
ging van den eeuwigdurenden Rozenkrans
een gezelschap, dat zich reeds in den
zegen van den Heiligen Apostolischen
Stoel verheugde.
-ocr page 159-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 153
I. Deze vereeniging is eene heilige
eerewacht
van Maria, welke ten doel
heeft, der allerzaligste Maagd en haar
Goddelijken Zoon eene onafgebroken
vereering te bewijzen, doordat hare me-
deleden zich voornemen en zorg dragen,
dat op elk uur, zoowel bij dag als bij
nacht, onophoudelijk de rozenkrans ge-
beden worde. Met eene wonderbare
snelheid verspreidde zich deze stichtende
vereeniging, zoodat elleen in de stad
Bologna, van den beginne af, alle 8760
uren des jaars, onder de dienaren der
Rozenkranskoningin verdeeld en met de
meeste zorg besteed werden.
In Duitschland, Frankrijk, België en
Spanje werd eveneens de ijver der Ka-
tholieken aangewakkerd, zoodat verschei-
dene familién zich eene gansche nacht
voorbehielden, welks uren zij tot het
bidden van den H. Rozenkrans, onder
hare huisgenooten verdeelden.
Ook het gewone volk had zijn beha-
gen in deze vereering der \\\\. Moeder
Gods en sloot zich bereidwillig hierbij aan.
Helaas, deze schoone vereeniging, welk
de vurige liefde en godsvrucht van het
geloovig hart tot Maria, zoo heerlijk
-ocr page 160-
154 Maria als Rozenkranskoningin
aan den dag legde, geraakte op het
einde der vorige eeuw in verval, even
als zoovele christelijke instellingen, die
in de vreeselijke stormen der godde-
loosheid schipbreuk leden.
Edoch! duizendmaal zij geloofd de
barmhartige God en zijne gebenedijde
Moeder Maria! in onzen tijd, waarop,
wel is waar, dat ongeloof en de zede-
loosheid den geest van het christendom
trachten te verbannen, waarop de vij-
anden der waarheid de Kerk Gods met
haat en woede bestrijden, waarop echter
ook, twee groote Pausen, Pius IX en
Leo XIII het scheepje van Petrus met
hemelsche kracht besturen, was de hulp
van Maria ook nabij, zoodat onder hare
moederlijke bescherming de Kerk altijd
één, heilig, apostolisch en Katholiek, zich
meer en meer onder alle volkeren der
aarde uitbreidde.
En het middel waarvan Maria zich
bediende, om de geloovigen inniger met
Jezus Christus en Zijne H. Kerk te ver-
binden, was de vernieuwing der oude
kerkelijke broederschappen en instellin-
gen, en onder deze de zoo vruchtbare
vereeniging van den eeuwigdurenden
-ocr page 161-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 155
Rozenkrans.
Ongetwijfeld, niet zonder eene bijzon-
dere medewerking van de allerzaligste
Maagd, die ons alle genaden van God
afsmeekt, door wier verdiensten en voor-
spraak aan de Kerk Gods barmhartig-
heden en zegeningen toestroomen, heeft
de aan de Moeder des Heeren bijzon-
der toegewijde Orde der Dominicanen,
in het jaar, 1858, de vereeniging van
den altijddurenden Rozenkrans wederom
hersteld, voor het eerst ingevoerd in
Lyon, en eene nieuwe inrichting hieraan
gegeven, welke goedgekeurd werd door
den onvergetelijken Pius IX (12 April
1867).
Volgens deze nieuwe inrichting be-
staat deze vereeniging uit afdeelingen
van 24 leden voor de vier en twintig
uren van eiken dag, of wel om één uur
te bidden in de maand of eens in het
jaar. De algemeene bestuurder der ver-
eeniging is een priester van de Orde
der Dominicanen, bijgestaan door pre-
fecten van het gezelschap.
Deze vereeniging verschilt dus van
de broederschap van den H. Rozen-
krans en is zelve geene broederschap,
-ocr page 162-
156 Maria als Rozenkranskoningin
maar een gezelschap of eene vereeniging.
Op vele plaatsen heeft deze vereeni-
ging nog een bijzonder doel, namelijk
te bidden voor het zielenheil der ster-
venden, om voor hen, die met den dood
strijden, een zalig sterfuur van God te
verkrijgen.
II. Op welke wijze behoort men dit
aan de Rozenkranskoningin gewijde uur
te besteden r
Om met een rein en heilig hart aan
Gods H. Moeder dit gebed op te dra-
gen, is het voor alles zeer prijzenswaar-
dig, wanneer men op den dag, dat men
zijne bedestond moet verrichten, tot de
HII. Sacramenten nadere; kan dit ech-
ter niet gevoeglijk geschieden, dan ver-
wekke men een volmaakt berouw over
alle zonden zijns levens, wijde zich als
haar dienaar of dienaresse aan Maria
toe en verkieze Haar tot bijzondere Pa-
trones voor het leven en het uur des
doods.
Wanneer het uur is aangebroken,
kniel dan eerbiedig neder in de kerk
als zulks gevoeglijk kan, of wel op eene
tot het gebed geschikte plaats, maak
voor het gebed eene goede meening —
-ocr page 163-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 157
tot meerdere eer van God, der Aller-
heiligste Maagd Maria, van het gansche
hemelsche hof — voor onzen H. Vader
den Paus, voor de geheele strijdende
Kerk op aarde, voor hen die met den
dood strijden, voor uwe eigene aangele-
genheden en voor de arme zielen der
lijdende Kerk in het vagevuur, aan
welke gij de aflaten toevoegt, die gij
verdienen kunt.
Begin dan met de meeste godsvrucht
uw rozenkransgebed; overdenk met een
geloovig hart de vijftien geheimen, en
vereenig u in den geest niet alle Enge-
len en Heiligen des Hemels en al uwe
medeleden op aarde.
Om uwe aandacht nog te vermeer-
deren, denk dat het wellicht voor de
laatste maal is, dat gij aan de Rozen-
kranskoningin deze eerbiedige hulde be-
wijst, en weldra zult sterven.
Is er na het rozenkransgebed nog
tijd over, bid dan de litanie, van Lo-
retto en andere gebeden ter eere van
Maria.
Bijaldien gij verhinderd zijt uw bid-
UUr te houden, stel dan iemand in uwe
plaats, opdat de aanhoudende vereering
-ocr page 164-
158 Maria als Rozenkranskoningi*
der goedertierene Koningin niet onder-
broken worde.
Hoe schoon immers worden in de
vereeniging van den eeuwigdurenden
Rozenkrans, de prophetische woorden
van Maria bewaarheid: >Z;V van nu af,
zullen alle geslachten mij zalig prijzen."
Aflaten: Pius IX verleende bij decreet
van April 1867, aan alle medeleden,
die maandelijks het hun aangewezen ge-
bedsuur godsvruchtig houden, een vollen
aflaat, mits men biechte, communiceere,
eene kerk bezoeke en aldaar eenigen
tijd bidde volgens de meening van Z. H.
Deze aflaat is toevoeglijk aan de zie-
len des vagevuurs.
-ocr page 165-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 159
21 OCTOBER.
o8ic3 füïCazia daaedik* een -tiis-
scnen vw\\,iwc aan, in de vet-
eenialna van den Zevenden
*SHjft in mijne liefde."
\'Jo. 15. 9.
i#jVe liefde is vindingrijk, zij zegt nooit:
*J!gg thans is het genoeg, doch zoekt
steeds nieuwe middelen en wegen om
den beminde te behagen.
Is dit het geval met de aardsche liefde,
niet zelden met onedele beweegredenen
vermengd, vaak zoo onstandvastig en
zoo spoedig in haat en afkeer veranderd;
de bovennatuurlijke zuivere liefde tot
God onzen Heer, en tot onze hemelsche
Moeder Maria, is daarentegen gansch
anders en volmaakt gevormd; zij ver-
edelt zich dag op dag, neemt steeds toe
in vurigheid en heiligen ijver, en stelt
alles in het werk om Jezus en Maria te
verheerlijken en hunne eer ook bij an-
deren te bevorderen.
-ocr page 166-
i6o Maria als Rozenkranskoningin
i. Onder de duizende middelen door
vrome zielen uitgedacht om Gods Moe-
der te eeren, blinkt ook uit de Levende
Rozenkrans,
eene vereeniging van vijf-
tien personen, die elke maand de vijftien
tientjes van den rozenkrans door het
lot verdeelen en zich verplichten, —
echter niet op zonde — iederen dag
een tientje te bidden en een rozenkrans-
geheim te overwegen
De uitvindster dezer godvruchtige oe-
fening, waardoor den Hemelkoning da-
gelijks duizenden kransen van rozen
worden aangeboden, was de vrome Ma-
ria Paulina Jaricot van Lyon, die ook
eene ijverige medehelpster was in het
stichten der groote vereeniging der
H. Missiën. Dit geschiedde in het
jaar 1826.
Zijne Heiligheid, Paus Greg. XVI,
gaf den 27 Januari 1832, met groote
vreugde zijne goedkeuring aan deze god-
vruchtige vereeniging en verrijkte haar
met vele heilige aflaten.
Het doel dezer vereeniging is de ver-
levendiging van de godsvrucht tot den
H. Rozenkrans en de broederschap, en
tevens het met meer zekerheid verkrijgen
-ocr page 167-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 161
van Gods genaden en barmhartigheden,
door het overgroot aantal leden en de
menigvuldige gebeden.
En inderdaad, in vele streken en zelfs
in de hooge kringen, heeft deze zoo
doelmatig ingerichte vereeniging veel
bijgedragen tot opwekking van geloof
en godsvrucht.
Het bestuur van den Levenden Ro-
zenkrans isdoorPius IX (17 Aug. 1877)
opgedragen aan den Generaal der Do-
minicanen, terwijl de leiding der plaat-
selijke vereeniging geschiedt door de
bestuurders der broederschap van den
H. Rozenkrans aldaar wettig opgericht.
Alleen zulke vereenigingen zijn der-
halve geldig en deelachtig aan de aflaten,
die door een bestuurder der Rozenkrans-
broederschap worden opgericht en geleid
of wel door iemand, die van den Provin-
ciaal van de Orde der Dominicanen
een diploma hiertoe ontvangen heeft.
Ook is de volmacht van den Provin-
ciaal vereischt om rozenkranzen te zege-
nen en met aflaten te verrijken.
De bestuurders benoemen de ijveraars
of ijveraarsters, nemen de leden aan,
ofschoon geene inschrijving van namen
11
-ocr page 168-
i62 Maria als Rozenkranskoningin
noodig is, dewijl de Levende Rozenkrans
geene broederschap is, doch slechts eene
door de Kerk goedgekeurde vereeniging,
wier voorschriften noodzakelijker wijze
moeten gevolgd worden om de aflaten
te verdienen.
DE H. AFLATEN.
i. Op den eersten feestdag na de
aanneming tot lid der vereeniging, een
volle aflaat, toevoeglijk aan de zielen des
vagevuurs mits men na eene rouwmoe-
dige biecht de H. Communie ontvange.
2.  Voor het dagelijksch bidden van
hun tientje, ioo dagen op alle werkda-
gen; 7 jaren en 7 quadragenen op alle
Zon- en Feestdagen des jaars; insgelijks
gedurende de octaven van Kerstmis,
Paschen, 1\'inksteren, H. Sacramentsfeest,
Maria Hemelvaart, Geboorte en Onbe-
vlekte Ontvangenis.
3.  Een volle aflaat op Kerstmis, Nieuw-
jaar, Driekoningen, Paschen, Onzes Hee-
ren Hemelvaart, Pinksteren, Drievuldig-
heid, H. Sacramentsdag, alle feestdagen
der H. Maagd; op de feesten der H. Apos-
telen Petrus en Paulus, van Allerheiligen
en op den derden Zondag van elke
-ocr page 169-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 163
maand, (toevoeglijk aan de arme zielen.)
De voorwaarden zijn: de medeleden
moeten dagelijks regelmatig en minstens
gedurende eene maand hun tientje ge-
beden hebben, tenzij wettige redenen
dit onmogelijk maakten; verder moeten
zij op bovengemelde feestdagen, na waar-
dig de H. Sacramenten ontvangen te
hebben, eene kerk bezoeken en aldaar
eenigen tijd bidden.
Bijaldien zij, uit billijke beweegredenen
geene kerk bezoeken kunnen, kan de
biechtvader hiervoor een ander werk
opleggen.
4.     100 dagen voor elk sOnzc Vader"
en ieder »Wees Gegroet," wanneer zij
een gewijden rozenkrans gebruiken.
5.   Ken volle aflaat, eens in het jaar,
op een dag naar verkiezing, wanneer
zij alsdan de H. Sacramenten ontvan-
gen en eenigen tijd bidden tot intentie
van Z. H. op voorwaarde, dat zij ge-
durende het gansche jaar, dagelijks hun
tientje gebeden hebben aan een gewij-
den rozenkrans.
De geheimen moeten elke maand door
het lot verdeeld worden; eene eenvou-
dige verdeeling is niet voldoende.
-ocr page 170-
164 Maria als Rozenkranskoningin
Uittredende leden moeten, zooveel
mogelijk, in den loop der maand ver-
vangen worden.
Zij, die zonder wettige redenen een
dag hun gebed verzuimen, verliezen de
aflaten der maand, maken zich echter
niet schuldig aan zonde en berooven
ook niet de overige leden van de aflaten.
BIJZONDERE AFLATEN.
1.  De bestuurder van 15 leden, ver-
dient 100 dagen aflaat, zoo dikwerf hij
eene oefening van zijn ambt vervult.
2.  De prefekt van elf afdeelingen,
elke uit vijftien leden bestaande, ver-
dient voor elk werk van zijn ambt, 300
dagen aflaat.
Ieder lid volbrenge dus met eene
godsdienstige zorg deze kleine verplich-
ting en legge zijn ijver aan den dag
voor deze schoone vereeniging, vooral
door een deugdzamen levenswandel en
broederlijke liefde, door zedigheid en
vroomheid; door meermalen en steeds
wel voorbereid de HU, Sacramenten te
ontvangen.
Aan Je vruchten kent men den boom;
ook aan hunne vruchten zal men de
-ocr page 171-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 165
ijverige leden der Rozenkrans-vereeni-
ging, de getrouwe en toegewijde kinde-
ren van Maria leeren kennen, die door
een heilig, echt christelijk leven anderen
stichten en aansporen, ook leden te
worden der zalige broederschap.
Dit gebed moet ons allen opwekken
tot een nieuw leven, daar vandaan de
Naam van den Levenden Rozenkrans.
22 OCTOBER.
2>c Sioze 11 fiza ïij> dct %cven ©meu-
ten \\et ccic van de êioninain
dei
2))ccul\'efcueii.
nStOHS dochter, groot als de
zee is wvc sinart"
Kla.igl. 2. 13.
s^Afjan de heilige Veronica van Binasco
të$3ï openbaarde eens Onze Heer Jezus
Christus, dat hij dezelfde, ja nog groo-
tere vreugde had, wanneer men het lijden
zijner Moeder overwoog, dan wanneer
men zijn eigen bitter lijden overdacht.
-ocr page 172-
i66 Maria als Rozenkranskoningin
Ook aan de heilige Elisabeth werd
door God bekend gemaakt, dat Maria
eene bijzondere genade van haar God-
delijken Zoon afsmeekte voor degenen,
die eene bijzondere godsvrucht hadden
tot hare smarten; en Jezus beloofde aan
zijne liefderijke Moeder de volgende
genaden:
i. Degene die Maria, ter wille harer
smarten aanroept, zal de genade erlan-
gen, vóór zijn dood eene ware boet-
vaardigheid te doen voor alle door hem
bedreven zonden.
2.  Jn alle bekoringen, bijzonder in
het uur der doods, zal God hem op
eene bijzondere wijze bijstaan.
3.  Jezus zal hem eene bijzondere
godsvrucht inboezemen tot zijn heilig
lijden, en hem daarvoor in den hemel
beloonen.
4.  De vereerders van Maria\'s smar-
ten zal onze goddelijke Verlosser over-
geven in de handen Zijner heilige Moe-
der, opdat Zij over hen heersche en
beschikke volgens haar goeddunken en
hun alle genaden verleene, welke zij
verlangen.
Maria, de heilige Rozenkranskoningin
-ocr page 173-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 167
is ook de koningin der martelaren.
Van het oogenblik af dat zij Gods
Moeder zou worden was haar hart met
een zwaard van droefheid doorboord,
wegens het vooruitzicht van den vreese-
lijken dood van haar Goddelijk Kind.
Van toen af was er voor Maria geen
oogenblik van vreugde meer, dat niet
vergald was, door de pijnlijke gedachte
aan Golgotha.
Het bloedig lijden van Jezus vertoon-
de zich steeds aan haar geest, en de
smarten van haar moederhart kan men
zich noch voorstellen noch beschrijven,
ja, millioenen menschen zouden onder
haar zielelijden bezweken zijn.
2. Niets is derhalve billijker, dan dat
wij tot onze liefderijke, smart- en gena-
devolle Koningin der Martelaren, ons
dank- en smeekgebed richten. Deswege
heeft de Orde der Dienaren van Maria,
welke zoo ijverig de verheerlijking be-
vordert der Moeder van Smarten, den
rozenkrans der Zeven Smarten van
Maria onder de geloovigen verspreid.
Deze rozenkrans bestaat uit zeven
»tientjes", ter herinnering aan de zeven
groote smarten der Allerzaligste Maagd.
-ocr page 174-
l68 Maria als Rozenkranskoningin
Elk »tientje" bestaat uit een Onze
Vader en zeven maal het Wees Ge-
groet. Men voegt er ten slotte nog
drie maal een Wees Gegroet bij, en
ter eere der tranen door de lijdende
Gods-Moeder vergoten, en om de ge-
nade van een waar berouw te verkrijgen
en eindelijk om de aflaten te verdienen.
Verder trachte men onder het bidden
van de/.en rozenkrans de Zeven Smar-
ten van Maria, zooveel als mogelijk is,
te overwegen.
De zeven smarten van Maria zijn:
Eerste Smart. Simeon voorzegt aan
Maria in Jerusalems tempel, dat een
zwaard van droefheid hare ziel zal door-
boren.
Tweede Smart. Uit vrees voor den
wreeden Herodes, moet Maria en Joseph
met het Goddelijk Kind vluchten naar
Egypte.
Derde Smart. Te Jerusalem verliest
Maria den twaalfjarigen Jezus, en zoekt
Hem gedurende drie dagen met een ge-
broken hart.
Vierde Smart. Op zijn lijdensweg naar
Calvarie ontmoet Maria haren Godde-
-ocr page 175-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 169
lijken Zoon, beladen met het zware en
schandelijke kruishout.
Vijfde Smart. Maria stond aan den
voet des kruises, en zag het Goddelijk
Bloed van Jezus uit zijne wonden vloeien.
Zesde Smart. De Moeder van onzen
Goddelijken Verlosser zag de zijde van
haar Zoon met eene lans doorboord
worden en ontving het ontzielde lichaam
van Jezus in hare armen.
Zevende Smart. De Koningin der
martelaren begeleidde het lichaam van
haar Goddelijken Zoon naar zijne rust-
plaats in het graf.
3. Overgroote aflaten zijn aan deze
gezegende oefening van den Rozenkrans
der Zeven Smarten gehecht. Paus Be-
nedictus XIII verleende den 26 Sept.
1724:
1.  Aan allen, die na eene rouwmoe-
dige biecht of met het voornemen te
biechten, dezen Rozenkrans bidden in
de Kerk der Servieten, een aflaat van
20 3 dagen, voor elk «Onze Vader" en
ieder sWees Gegroet."
2.  Aan degenen, die dit gebed ver-
richten op de vrijdagen in de vasten
op den feestdag der zeven Smarten, of
-ocr page 176-
170 Maria als Rozcnkranskoningin
een dag onder de octaaf, 200 dagen
aflaat, voor elk »Onze Vader" en «Wees
Gegroet."
3.   100 dagen, als deze rozenkrans
gebeden wordt op andere dagen.
4.   Daarenboven nog 7 jaren en\'
7 Quadragenen, wanneer men dit gebed
doet, ofwel afzonderlijk, of wel met
anderen te zamen.
5.  Degenen, die gedurende een gansch
jaar dagelijks dezen Rozenkrans bidden,
verdienen een vollen aflaat op een dag
naar verkiezing, wanneer zij, na het
ontvangen der H. Sacramenten, eenigen
tijd bidden volgens de meening van
Z. H. den Paus.
Clemens XII bevestigde niet alleen
deze geestelijke gunsten, maar voegde
er nog de volgende bij, den 12 Dec. 1734:
1.  Ken aflaat van 100 jaren aan alle
geloovigen, die zulken Rozenkrans, recht-
streeks of door tusschenkomst van an-
deren ontvangen hebben van een Reli-
gieus der Servieten-orde, zoo dikwijls
zij denzelven bidden na eene rouwmoe-
dige biecht, of met het voornemen te
biechten.
2.   150 jaren, wanneer zij zulken Ro-
-ocr page 177-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 171
zenkrans ontvangen hebben en bij zich
dragen, en hem bidden op Maandag,
Woensdag, Vrijdag en op de geboden
feestdagen, mits zij rouwmoedig het
Sacrament der boetvaardigheid ontvan-
gen hebben.
3.   200 jaren aan alle geloovigen, die
na een zorgvuldig onderzoek des gewe-
tens en eene rouwmoedige biecht, dezen
Rozenkrans bidden en tevens een ge-
bed doen voor de verheffing van onze
H. Kerk, de uitroeiing der ketterijen en
den bloei van ons heilig katholiek geloof.
4.   10 jaren aan allen, die dezen ro-
zenkrans bij zich dragen en meermalen
bidden, zoo dikwijls zij een lichamelijk
of geestelijk goed werk verrichten.
5.  Een vollen aflaat eens in het jaar,
op een dag naar verkiezing en onder
de gewone voorwaarden aan allen, die
de godvruchtige gewoonte hebben dezen
rozenkrans viermaal in de week te bidden.
6.  Een vollen aflaat, eens in de maand,
onder de gewone voorwaarde en na een
gebed voor onze H. Kerk gesproken te
hebben, aan allen, die dezen Rozenkrans
dagelijks, gedurende een maand bidden.
Dm deze aflaten te verdienen moeten
-ocr page 178-
172 Maria als Rozenkranskoningin
de Rozenkransen gewijd zijn door een
priester der Servieten Orde, of door
iemand hiertoe gevolmachtigd, naar een
bepaald formulier.
Bid voor ons, o smartvolle Maagd,
Gij, Koningin der Martelaren!
Opdat wij de beloften van Christus
waardig worden.
23 OCTOBEE.
Sc &t<xnciïcanci-§lox>cnhiani Kei
ccic dei &cven ^Vzcuadcn
van 91Cci«ici.
■»Eén lichaam en èèn geest, èèn
God en Vader 7\'an allen."
Ëph. 4. 4. 6.
^T^en ware vriend van den grooten
sfij Apostel van den H. Rozenkrans,
den H. Dominicus, was de Seraphijnsche
Vader, de H. Franciscus.
Uitverkoren door de goddelijke Voor-
zienigheid tot steun der Heilige Katho-
-ocr page 179-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 173
lieke Kerk, omhelsden zich eens de
beide Heiligen in de St. Pieters kerk
te Rome, alwaar zij zich voor de eerste
maal ontmoetten; verheugd riep Domi-
nicus toen uit: Franciscus! gij zijt mijn
bondgenoot, wij zullen te zamen arbeiden.
Onder den zegen van den H. Apos-
tolischen Stoel hebben deze twee Apos-
telen, de H. Dominicus en zijne heilige
Orde door de prediking en den H. Ro-
zenkrans, de H. Franciscus en zijne
heilige Orde, door de armoede en de
derde Orde, millioenen zielen voor den
hemel gewonnen.
Gelijk deze twee groote Orden steeds
te zamen in broederlijke liefde gearbeid
hebben voor God en zijne H. Kerk,
eveneens waren zij immer bezield niet
een rusteloozen ijver voor de vereering
der Hemelkoningin, hunne bijzondere
Patrones; en gelijk de wereld aan Do-
minicus den rozenkrans te danken heeft,
eveneens gaf ons de Orde van den
H. Franciscus den Rozenkrans der Ze-
ven vreugden.
Ten tijde dat de H. Bernardus van
Siëna leefde, was er een jongeling, wiens
hart vervuld was van eene teedere liefde
-ocr page 180-
174 Maria als Rozcnkranskoningin
tot de II. Moeder Gods. Haar ter eere
placht hij dikwijls een krans van rozen
en bloemen te vlechten en daarmede
het Maria beeld te versieren.
Hij trad in de Orde van den H. Fran-
ciscus, maar had weldra spijt van zijn
genomen besluit, zoodat hij er ernstig
aan dacht het huis te verlaten.
Dewijl hij echter gewoon was niets
gewichtigs te ondernemen, vooraleer hij
den raad had ingewonnen zijner lieve
hemelsche Moeder, riep hij ook nu
Maria aan, om licht en hulp.
De H. Maagd verscheen aan den
jeugdigen kloosterling en leerde hem den
rozenkrans harer zeven vreugden bidden,
hem tevens openbarend, dat deze krans
Haar oneindig meer welgevallig was,
dan die van de schoonste natuurbloe-
men, welke hij gewoon was Maria aan
te bieden.
Van dit oogenblik af bad hij met
teedere godsvrucht dezen schoonen ro-
zenkrans en smaakte door Maria\'s hulp
zulken zoeten troost, dat hij in zijne
orde gelukkig en tevreden leefde en
een zaligen dood stierf.
De zonen van den H. Franciscus heb-
-ocr page 181-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 175
ben dezen rozenkrans in hunne drie
Orden verspreid, alwaar hij voortdurend
met een geloovig vertrouwen gebeden
wordt.
Dit rozenkransgebed bestaat uit zeven
tientjes, één »Onze Vader" en tienmaal
het «Wees Gegroet," met de overweging
der volgende geheimen:
1.  Dien Gij, o Onbevlekte Maagd, met
vreugde van den H. Geest ontvangen
hebt,
2.  Dien Gij, o Onbevlekte Maagd, met
vreugde naar Elisabeth gedragen hebt.
3.   Dien Gij, o Onbevlekte Maagd,
met vreugde gebaard hebt.
4.    Dien Gij, o Onbevlekte maagd,
met vreugde den Drie Wijzen ter aan-
bidding hebt voorgesteld.
5.   Dien Gij, o Onbevlekte Maagd,
met vreugde in den tempel hebt weer-
gevonden.
6.   Dien Gij, o Onbevlekte Maagd,
het eerst met vreugde na zijne verrij-
zenis gezien hebt.
7.  Die U, o Onbevlekte Maagd, met
vreugde in den hemel opgenomen en
tot Koningin van hemel en aarde ge-
kroond heeft.
-ocr page 182-
17^ Maria als Rozenkranskoningin
Daarna bidt men een iOnze Vader"
en »Wees Gegroet" voor Z. H. den Paus.
Aan de leden der eerste Orde van
Franciscus, is voor het bidden van de-
zen Rozenkrans der Zeven Vreugden,
telken male een volle aflaat verleend.
Niet enkel is deze Vreugdenrozenkrans
een middel ter vereering van Gods won-
dervolle Moeder, ook nog eene uitnoo-
diging tot alle geloovige katholieken,
zich aan te sluiten bij de Derde Orde
van den H. Franciscus, om alzoo onder
de tweevoudige machtige bescherming
van den H. Dominicus en den H. Fran-
ciscus, mede te werken aan de vernieu-
wing van den echt christelijken geest
in de wereld.
Ongetwijfeld! De hoogheilige Rozen-
krans en de Derde Orde van boetvaar-
digheid zijn ook ten huidigen dage de
reddingsmiddelen onzer arme, verblinde,
godvergetene wereld, door eene vurige
vereering van Maria, en de ware na-
volging van Jezus Christus, Onzen Heer.
Is de rozenkrans »//<• geesel van Sa-
/•ni"
de derde Orde is een harnas te-
gen a\'le bekoringen der wereld.
Dat alle geloovige Katholieken, voor-
-ocr page 183-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 177
namelijk echter de kinderen en dienaars
der H. Rozenkranskoningin, ook deel
uit maken van de Derde Orde van den
H. Franciscus, is de vurigste wensch
van onzen H. Vader, Paus Leo XIII,
die in de zijne Encycliek van den 17
Sept. 1882, de volgende woorden richtte
tot de katholieke wereld:
»\'t Is ongelooflijk, met welk een ziels-
drift en vervoering bijna, de menigte
tot Franciscus getrokken werd. Men
volgde hem in dichte scharen, werwaarts
hij heenging, en niet zelden smeekten
hem uit steden, uit volkrijker plaatsen
alle burgers zonder onderscheid, dat hij
hen plechtig onder zijn regel zou opne-
men. Daardoor is de heilige er toe ge-
bracht het genootschap van de Derde
Orde
in te stellen, dat eiken stand van
menschen, eiken leeftijd, beiderlei ge-
slacht moest opnemen zonder de banden
van het gezin en van de huiselijke za-
ken te verbreken. Want met wijze voor-
zichtigheid schreef hij aan die orde, niet
zoozeer eigen wetten voor, maar de ver-
ordeningen zelven van de wetten des
Evangelies, die aan geen Christen al te
zwaar kunnen voorkomen. Namelijk: aan
12
-ocr page 184-
178 Maria als Rozcnkranskoningin
de geboden van God en van de Kerk
te gehoorzamen, partijschappen en twis-
ten te verbannen, niets van het eigen-
dom eens anderen weg te nemen, de
wapenen niet op te vatten, tenzij voor
godsdienst en vaderland, in leefwijze en
kleeding voegzame maat te houden, de
weelde te vluchten, de gevaarlijke aan-
lokselen van den dans en van de schouw-
spel-kunst te vermijden.
Het is gemakkelijk te begrijpen, dat
er zeer groote voordeelen moesten voort-
vloeien uit zulk eene instelling, die niet
alleen heilzaam was in zich zelve, maar
ook en voornamelijk uitnemend geschikt
voor dien woeligtn tijd. — Deze ge-
schiktheid wordt niet alleen genoegzaam
gestaafd door de genootschappen van
denzelfden aard, die uit de Dominikaner
en uit andere orden ontstonden, maar
wordt ook door de uitkomst zelve be-
vestigd. Inderdaad, alom haastten de
menschen zich, van de laagsten tot de
hoogsten, met vurig verlangen en de
hoogste zielsbegeerte in de orde van
Franciscus te treden. De eersten, die
deze onderscheiding begeerden, waren
Lodewijk IX, Koning van Frankrijk, en
-ocr page 185-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 179
Elisabeth, de Hongaarsche Konings-
dochter: hen volgden in den loop der
tijden vele Pausen, Kardinalen, Bisschop-
pen, Koningen en Vorsten, die allen de
ordeteekenen van Franciscus niet onver-
eenigbaar achtten met hunne waardig-
heid. ■— De leden van de Derde Orde
toonden evenveel vroomheid als moed
in het verdedigen van den Katholieken
godsdienst, en al hebben zij zich door
die deugden veel haat berokkend van
den kant der boozen, aan de goedkeu-
ring van de wijzen en goeden, welke
ten hoogste eervol en alleen begeerens-
waardig is, heeft het hun nooit ontbro-
ken. Ja, onze Voorganger Gregorius IX
zelf heeft hen openlijk met hun geloof
en moed geluk gewenscht en niet ge-
aarzeld hen door zijn gezag te verdedi-
gen en hun den eerenaam van strijders
voor Christus, van andere Machabeeën
toe te kennen. — En die lof was niet
in strijd met de waarheid. Want er lag
een krachtig hulpmiddel voor het heil
der maatschappij in die Orde, welker
leden de deugden en voorschriften van
hun stichter voor oogen hielden en zich
naar vermogen beijverden de christelijke
-ocr page 186-
lSo Maria als Rozenkranskoningin
deugd met nieuwen luister in de maat-
schappij te doen herleven. Ongetwijfeld
zijn dikwerf door hun tusschenkomst en
voorbeelden de oneenigheden van par-
tijschappen uitgedoofd of tot bedaren
gebracht, zijn de wapenen aan de hand
van woestaards ontrukt, zijn de oorzaken
van gedingen en twisten weggenomen,
heeft de armoede en de verlatenheid
leniging gevonden, is de losbandigheid
beteugeld, die de fortuinen verslindt en
het werktuig is des verderfs. Daarom
ontspruiten aan de Derde Orde van
Franciscus, als aan hun stam huiselijke
vrede en openbare rust, reinheid van
zeden en zachtmoedigheid, behoorlijk
gebruik en beveiliging van den eigen-
dom, welke de hechtste steunpilaren zijn
van beschaving en welvaart, en het be-
houd van deze voorrechten heeft Europa
voor een groot gedeelte aan Franciscus
te danken.
Derhalve is blijkbaar van dezen éénen
man een machl van weldaden aan de
christelijke en aan de burgerlijke maat-
schappij toegevloeid. Doch omdat zijne
gezindheid in volheid en bij uitstek
christelijk is en op wonderbare wijze
-ocr page 187-
en het Rijk harer Barmhartigheid. iSl
voor alle plaatsen en tijden voegt, kan
niemand het betwijfelen, dat de instellin-
gen van Franciscus in deze on/.e eeuw
grootelijks voordeelig zullen zijn. Des te
meer, dewijl de gesteltenis van onzen
tijd om vele redenen die van zijnen tijd
schijnt nabij te komen. — Cieiijk in de
twaalfde eeuw, is eveiv.oo nu de liefde
niit weinig verkoeld, is er hetzij door
onwetendheid, hetzij door verwaarloozing
niet weinig stoornis in de vervulling der
christelijke plichten. Met gelijke geestes-
richting en met gelijke inspanning bren-
gen zeer velen hun leven dour in het
streven naar tijdelijk voordeel en in het
begeerig najagen van genot. Overgege-
ven aan alle weelderigheid, verkwisten
zij wat z:j bezitten, verlangen zij naar
het eigendom van anderen; in naam
verheffen zij de onderlinge broederschap
dermenschen: hun woord evenwel spreekt
meer van broederlijke liefde dan hunne
daden; want zij worden door de eigen-
liefde gedreven, en die echte liefde jegens
de minderen en de armen vermindert
bij den dag. — In den tijd van Fran-
ciscus had de veelvoudige dwaling der
Albigenzen, door het oproer tegen de
-ocr page 188-
182 Maria als Rozcnkranskoningin
macht der Kerk aan te stoken, tegelijk
den Staat in verwarring gebracht, en
den weg tot een zeker Socialisiiuts ge-
baand. En thans zijn evenzoo de be-
gunstigers en verspreiders van het Na-
turalismus
toegenomen, welke hardnekkig
loochenen, dat men aan de Kerk onder-
danig moet zijn, en geleidelijk en traps-
gewijze verder voortgaande, zelfs de
burgerlijke macht niet ontzien, het ge-
weld en de volksoproeren goedkeuren,
het eigendomsrecht, aanranden, de harts-
tochten der volksheffe vleien, de grond-
slagen der huiselijke en der openbare
orde verzwakken.
Bij deze zoo talrijke en zoo groote
rampspoeden kan er derhalve, redelij-
kerwijze een niet zwakke hoop op hulp
gebouwd worden op de instellingen van
Franciscus, wanneer zij maar in haar
vorigen staat hersteld worden. — Want
bloeiden zij, dan zou ook gereedelijk het
geloof en de godsvrucht en al wat voor
den Christen lofwaardig is bloeien, dan
zou de overmatige begeerte naar gevan-
kelijke zaken geknakt worden, en men
zou er geen afkeer van hebben, zijne
hartstochten uit kracht van deugd te
-ocr page 189-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 183
temmen, wat voor velen als de zwaarste
en hatelijkste last geldt. Door de ban-
den eener waarlijk broederlijke eendracht
verbonden, zonden de menschen elkan-
der onderling liefhebben, en aan de be-
hoeftigen en ongelukkigen, als dragers
van Christus\' beeld, den eerbied bewij-
zen, waar zij recht op hebben.
Om deze redenen is het sedert lang
Ons vurig verlangen, dat ieder zich naar
best vermogen op de navolging van
Franciscus van Assisië toelegge. —
Zooals Wij derhalve steeds te voren aan
de Derde Orde der Franciscanen een
bijzondere belangstelling hebben gewijd,
zoo maken Wij ook nu, nadat Wij door
Gods allerhoogste goedheid tot de uit-
oefening van het Opperherderschap ge-
roepen werden, van de geschikte gele-
genheid gebruik, en vermanen Wij de
Christenen, toch niet na te laten om
zich bij deze heilige krijgschaar van
Jezus Christus te doen opnemen.
Door deze Vereeniging der Derde
Orde van den H. Franciscus met de
Rozenkransbroederschap des H. Domi-
nicus, maken wij eene groote familie
uit in onze H. Kerk, néén lichaam en
-ocr page 190-
184 Maria als Rozenkranskoningin
één geest, één Go.l en Vader van allen,
nu en gedurende de eindelooze eeuwig-
heid!
24 OCTOBER.
5V cBtiqil\'Uj\\mc\\\\c eHo&enkzan» let
cetc van de Gj tcven>iaten
\'van 9!Ccinci.
»Ook gij behoord heilig te zijn
in al ttwe handelingen."
I. Petr. 1. is.
iT^ene vrome overlevering in onze
^jj^H. Kerk zegt ons, dat Jezus\'Heilige
Moeder drie en zestig jaren op aarde
doorbracht.
Hoe kostbaar in Gods oogen, hoe
verdienstvol voor de wereld, zal dat
lange en heilige leven geweest zijn onzer
lieve en dierbare hemelsche Moeder!
Vooraleer zij Gols Moeder werd,
was zij reeds in een staat van zoo ver-
hevene deugd, van zulke volheid van
genade, zooals vóór Haar geen schepsel
ooit geweest was, noch.ooit bestaan zal.
-ocr page 191-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 185
Daarom ook wordt zij in de H. Schrift
genoemd: tde stid Gods, welke de Al-
lerhoogste gebouwd heeft en wier grond-
slagen zich bevinden op den heiligen
berg;"
cl. w. z. dddr, waar de hoogste
bergen hunne toppen verheffen, dadr
legde de gezegende onder alle vrouwen
hare grondslagen; waar de verhevenste
Engelen en Heiligen hunne deugd en
heiligheid voltrokken en bekroond heb-
ben, dddr is Maria begonnen, met zoo-
danige heiligheid, God te dienen en te
beminnen.
Welke genadestroom moet derhalve
over hare vlekkelooze ziel zijn uitgestort,
toen Zij voor het aanschijn van gansch
het hemelschhof, tot Gods moeder werd
verheven.
Wie kan derhalve ook in staat zijn
het gewin te berekenen dat Maria met
dien rijkdom der genadeschatten behaald
heeft, gedurende hare levensjaren op de
wereld r
In hoogere mate is in Haar het woord
des Apostels bewaarheid: * Zijne genade
was voor mij niet vruchteloos"
dewijl
Zij met de gaven en genaden des
-ocr page 192-
i86 Maria als Rozenkranskoningin
H. Geestes getrouw en voordurend mede-
werkte.
Op eiken dag, op ieder uur van haar
gebenedijd leven, verwekte haar maag-
delijk en Onbevlekt Hart de vurigste
liefdeakten tot God; nooit hield Zij op,
God, Haren Heer en Schepper met een
vreugdevolle ziel te beminnen, en zich
zelve als offer aan Hem te schenken.
Eerder zult gij tellen de sterren aan
het uitspansel, de zandkorrels aan de
oevers der zee, de grashalmen der wei-
den, de druppels van den onpeilbaren
oceaan, de bladeren der boomen, de
stralen der zon, dan de genaden en
voorrechten, waarmede de Eeuwige God
zijne liefderijke Moeder verrijkt heeft.
Dewijl nu een enkele graad der hei-
ligmakende genade de ziel in zulke
groote schoonheid doet schitteren, dat
God met welgevallen op haar nederziet,
de gansche hemel haar bewondert, en
zij in licht en glans de heldere zon zelfs
overstraalt, hoe liefelijk schoon, hoe
helder glanzend moet dan niet de af-
grond der genade, aan Maria geschon-
ken, deze reinste Maagd hebben doen
uitblinken.
-ocr page 193-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 187
Maria zelve was hiervan het meest
overtuigd; daarom sprak Zij in hare ne-
derigheid: sGroote dingen heeft aan mij
«gedaan, Hij die machtig is, en heilig
»is Zijn naam." 1)
2. Om de gezegende Moeder des
Heeren wegens dezen rijken genadeschat
te eeren, Gode hiervoor dank te zeggen
en voor al hare kinderen de bronnen
der barmhartigheid te doen vloeien,
stelde de II. Brigitta een bijzonderen
Rozenkrans in, den Biigittijnschen, ter
vrome herinnering aan de 63 jaren,
welke de H. Maagd op aarde doorbracht.
Deze rozenkrans begint met de Apos-
tolische geloofsbelijdenis; daarna volgen
zes tientjes, elk met een ȟnze Vader"
en tienmaal het »Wees Gegroet."
Aan het einde worden hier nog bij-
gevoegd één »Ünze Vader" en drie maal
het »\\Vees Gegroet," om het getal 63
te bereiken.
Aflaten: 1. Paus Leo X verleende
den 10 Juli 1515 een aflaat van 7 jaren
en 7 Quadragenen aan allen, die alleen
of met anderen dezen rozenkrans gods-
I) Luc. 1. 49.
-ocr page 194-
188 Maria als Rozenkranskoningin
vruchtig bidden; daarenboven een aflaat
van ioo dagen voor elk »Onze Vader",
ieder »\\Vees Gegroet" en de Geloofsbe-
lijdenis der Apostelen.
2. Paus Clemens XI bevestigde deze
aflaten bij breve van den 15 Jan. 1743
en verleende daarenboven: een vollen
aflaat
aan degenen, die minstens één
maal in de week den Brigittijnschen
Rozenkrans bidden, bijaldien zij op den
feestdag der H. Prigitta (8 (Jet.) rouw-
moedig biechten, communiceeren, eene
kerk bezoeken en aldaar eenigen tijd
bidden volgens de meening van Onzen
Heiligen Vader, den Paus van Rome.
Een vollen ajlinit in het uur des doods
aan degenen, die gewoon waren dezen
rozenkrans wekelijks, ten minste eenmaal
te bidden, wanneer zij, na gebiecht en
gecommuniceerd te hebben, hunne ziel
den Heere aanbevelen, of met een rouw-
moedig hart, den II. Naam Jezus aan-
roepen.
Een vollen ajliial^ eens in de maand,
op een dag naar verkiezing en onder de
gewone voorwaarden, atn allen die ge-
durende een maand dezen rozenkrans
dagelijks bidden.
-ocr page 195-
en het Rijk hnrcr Barmhartigheid. 189
Deze aflaten zijn toevoeglijk aan de
zielen des vagevuurs.
25 OCTOBER.
SV cRox-cit litaiu dei Ön&evtehtc
öntoanaeni* - ?c acfvttte-
tcwdste fcoou.
™Ofi haar hoofd ecfte kroon
van twaalf tierren."
Openb. 12. 1.
A-T^Poe dikwerf hebt gij niet een zalig
5gÏ3t zielsgenot het beeld uwer hemel-
sche Moeder aanschouwd, op wier hoofd
eene schitterende koningskroon prijkte
met twaalf fonkelende edelgesteenten.
De/.e diadeem vindt zijn oorsprong in
de H. Schrift. Immers in het boek der
Openbaring lezen wij: tEen groot tee-
lten verscheen aan den hemel: eene
vrouw gekleed met de zon, de maan onder
Atire voeten en op haar hoofd eene kroon
van twaalf sterren."
Deze sterrenkroon duidt de twaalf
-ocr page 196-
190 Maria als Rozenkranskoningin
buitengewone voorrechten aan, waar-
mede de almachtige God zijne allerza-
ligste Moeder verrijkte:
i. Maria werd de moeder van den
Keniggeboren Zoon van God.
2.   Zij droeg zonder erfsmet, onbe-
vlekt ontvangen.
3.   Zij werd het eerst de banier der
maagdelijke zuiverheid.
4.   Een Engel bracht Haar den groet
des Heeren.
5.  Zij baarde zonder smart haar God-
delijk Kind.
6.   Zij was maagd en moeder te zamen.
7.   Maria stierf niet door de zwakheid
der natuur, maar door hare groote, vurige
liefde.
8.   Haar heilige lichaam was aan
geen bederf onderworpen.
9.   Zij werd met haar verheerlijkt
lichaam opgenomen in den hemel.
10.   Zij is de Koningin der menschen en
11.  De Koningin der Engelen.
12.   God heeft met Haar zijn rijk ge-
deeld. Hij heeft zich voorbehouden het
rijk der gerechtigheid, en aan zijne lief-
devolle Moeder schonk Hij het rijk der
barmhartigheid.
-ocr page 197-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 191
Welk eene wonderbaar schitterende
kroon! Zulken luisterrijken diadeem
draagt alleen Maria, gedurende de gan-
sche eeuwigheid; want God heeft geen
volmaakter wezen geschapen.
Het getal twaalf, heeft ook de be-
teekenis van algemeen, en duidt alzoo
aan, dat de genade, de deugd, de hei-
ligheid, die bij eenigen gevonden wor-
den, zich bij Haar alleen bevinden: de
geloofskracht der Profeten, de liefde
der Apostelen, het geduld der .Martela-
ren, de reinheid der Maagden.
Allen overtreft Zij in het algemeen
en ieder in het bijzonder. Hierin kun-
nen wij Haar, wel is waar, niet navol-
gen; edoch, als hare vrome dienaren en
getrouwe kinderen kunnen wij ons ver-
heugen over de groote voorrechten, bo-
ven alle Engelen en menschen Haar ten
deel gevallen en onzen vurigen dank
betuigen aan God, Die zijne overgroote
liefde tot Maria, ons hierdoor openbaarde.
Onze vreugdevolle deelneming aan
Maria\'s voorrechten en genaden, kun-
nen wij op de beste wijze aan den dag
leggen, door den Rozenkrans der On-
bevlekte Ontvangenis, waarmede wij, als
-ocr page 198-
192 Maria als Rozenkranshoningin
het ware, een gouden kroon niet schit-
terende sterren op het maagdelijk hoofd
plaatsen van onze heilige Moeder.
Dezen kleinen rozenkrans hebben wij
te danken aan Pater Ponaventura van
de Orde der Capucijnen te I\'ologna.
Het rozenkransje der Onbevlekte Ont-
vangenis bestaat uit vijftien koralen,
welke in drie deelen verdeeld zijn. De
drie van de overige afgezonderd, be-
teekenen het sOnze Vader" en de
andere het ïWees Gegroet."
Het wordt gebeden op de volgende
wijze: Na het kruisteeken gemaakt te
hebben, zegt men: Gezegend zij de hei-
lige en onbevlekte ontvangenis der aller-
zaligste Maagd Maria.
Daarna bidt men het lOnze Vader,"
viermaal het sWèes Gegroet," en Eere
zij den VTader enz.
Paus Pius IX verleende bij breve
van 22 Juni 1155, aan alle geloovigen,
die gedurende eene maand dagelijks
met een godsvuchtig en rouwmoedig
hart dezen rozenkrans bidden, een vollen
aflaat op een dag naar verkiezing mits
zij alsdan waardig biechten en commu-
ceeren. Daarenboven 300 dagen aflaat,
-ocr page 199-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 193
zoo dikwijls men dezen rozenkrans met
godsvrucht bidt.
Deze aflaten zijn toevoegclijk aan de
zielen des vagevuurs.
3. Opdat echter deze hemelschoone
kroon, door uwe hand en uw hart
Maria aangeboden ook welgevallig zij
aan de Koningin van den allerheiligsten
Rozenkrans, behoort gij vooral zorg te
dragen, dat uw hart rein, kuisch en
vlekkeloos zij; want de allerzuiverste en
onbevlekt ontvangen Maagd kan geene
huldiging aannemen van een met zon-
den bezoedeld hart.
De sneeuwitte lelie der kuischheid is
immers de bloem van de Maagd der
maagden.
Neem daarom dikwerf uwe toevlucht
tot de Onbevlekte, om de reinheid des
harten te bewaren; beveel u dagelijks
aan Haar, Zij immers zal hare kin-
deren niet verlaten.
Bid Haar onophoudelijk om de ge-
nade, elke bekoring tegen de engelach-
tige deugd krachtdadig te wederstaan,
om steeds met een zuiver hart Jezus en
zijne gezegende Moeder te dienen en
te beminnen.
13
-ocr page 200-
194 Maria als Rozenkranskoningin
Dat \'t Engelenkoor
Alle eeuwen door
In steeds herhaalde ronde
L\'w macht en roem verkonde;
Ons lofgezang is een gebed:
Gij bleeft van zonden onbesmet,
Behoed ook ons voor zonde!
26 OCTOBEE.
5W atme a>ictcn §loz>enhta-n$.
*lVaarmede zal ik » troosten,
no dochter van Sion."
Klaagl. 2 13.
•ïij^en heilige bisschop zag eens in een
rE*i- droomgezicht, dat een knaap eene
buitengewoon schoone vrouw, met een
gouden angel en een zilveren snoer, uit
eene diepe zee ophaalde.
Toen de bisschop in den vroegen
morgen zich ter kerke begaf, zag hij
op het kerkhof een jongeling bij een
graf zitten.
Hij vroeg hem: >Mijn kind, wat doet
gij hier?"
Onder een vloed van tranen gaf de
-ocr page 201-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 195
knaap ten antwoord: »Hier is het graf
mijner moeder, ik heb den rozenkrans
gebeden tot rust harer ziel."
De bisschop begreep nu het droom-
gezicht : de schoone vrouw was de moe-
der van dien braven jongeling; hij had
haar uit het vagevuur verlost. De gou-
den angel was het Onze Vader en Wees
Gegroet en de zilveren snaar was de
heilige Rozenkrans, waarmede hij die
lijdende ziel uit de diepe zee van het
vagevuur gered had.
De H. Rozenkrans is een krachtig
redmiddel voor de lijdende zielen des
vagevuurs, dewijl men daardoor zijne
gebeden, meeningen en liefde met ver-
trouwen nederlegt in Maria\'s handen,
die zelve eens aan de H. Brigitta ge-
openbaard heeft: »Eris geen enkele pijn
in het vagevuur, welke door mij niet
gelenigd wordt."
Trouwens, ook aan ons zelven ver-
schaffen wij de rijkste voordeden, wan-
neer wij grootmoedig onze liefdediensten
den armen zielen bewijzen.
Vele zielen immers zullen ons moeten
dank weten, dat wij aan het geluk harer
verlossing hebben medegewerkt, en zul-
-ocr page 202-
196 Maria als Rozenkranskoningin
len niet nalaten ook voor ons, Gods
eeuwige Goedheid en Majesteit te aan-
bidden.
Immers, als er volgens Jezus\' verkla-
ring in den hemel reeds zooveel vreugde
heerscht over één zondaar op aarde
die zich bekeert en boete doet, maar
desniettemin toch nog in de zonde kan
hervallen; hoe groot zal dan de vreugde
zijn, bij het intreden in het eeuwig rijk
van een nieuwen hemelburger, die nooit
meer zondigen kan!
Inderdaad, wij verplichten aan ons
den gansenen hemel voor de verlossing
van ééne enkele ziel uit het vagevuur.
Vreugde voor den Engelbewaarder,
die de gelukwenschen ontvangt van
gansch het hemelsch hof, voor de zegen-
rijke vruchten van zijn heilig bescher-
mingsambt.
Vreugde voor die heiligen, welke deze
ziel op bijzondere wijze eerde en na-
volgde; vreugde voor hare bloedverwan-
ten en vrienden; vreugde voor die schare
van gelukzaligen onder wier midden zij
wordt opgenomen; vreugde voor Maria,
de H. Rozenkranskoningin, die voor
het geluk van haar kind zooveel gebe-
-ocr page 203-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 197
den heeft; vreugde vooral voor het God-
delijk Hart van Jezus die deze ziel in
zijn rijk opneemt, als eene dierbare
vrucht van zijn bitter lijden en zijn
kostbaar bloed.
De H. Geest verheugt zich over de
zegepraal zijner genaden, en de eeuwige
Vader heeft zijn welbehagen aan de vol-
maaktheid van zijn schepsel, dat het
doel zijner eeuwige en eenige bestem-
ming bereikt heeft.
Wat verder te zeggen van die heilige,
vurige, onverbreekbare vriendschap, wel-
ke tusschen ons en de door ons mede-
lijden verloste ziel gesloten is? Liefde
en wederliefde zullen met elkander wed-
ijveren; eeuwige dank en erkentelijkheid
zullen het gevolg zijn onzer geringe
moeiten.
Thans zijn wij rijk en zij arm; weldra
zullen wij zijn de armen in het vage-
vuur, en zij de rijken des hemels, maar
ook onze voorsprekers bij God.
2. De heilige, Katholieke Kerk, onze
lieve Moeder, gedenkt hare kinderen
des vagevuurs te allen tijde, geheel bij-
zonder echter in de maand November,
wijl zij dan voor de arme zielen vele
-ocr page 204-
198 Maria als Rozenkranskoningin
heilige offeranden opdraagt en den
H. Rozenkrans in deze meening bidt.
Bij het bidden van den rozenkrans
der arme zielen, bestaande uit zes tient-
jes, worden geene geheimen overwogen;
maar bij elk tientje bijzondere gebeden
verricht ter eere van Jezus\' bitter lijden.
Bij het
EERSTE TIENTJE.
O goede Jezus, wij smeeken \'U door
uw heiligen doodsangst en uw bloedig
zweet, dat Gij voor ons, arme zondaars,
in den Olijfhof gezweet hebt, droog de
tranen der arme lijdende zielen, bijzon-
der van onze lieve ouders, broeders en
zusters, bloedverwanten en weldoeners,
die in het vagevuur zijn, en geef hun
de eeuwige rust.
TWEEDE TIENTJE.
O goede Jezus, wij smeeken U door
uwe bloedige geeseling, welke Gij voor
ons, arme zondaars, doorstaan hebt, ver-
los de arme zielen, bijzonder onze lieve
ouders, broeders en zusters, bloedver-
wanten en weldoeners uit de pijnen van
-ocr page 205-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 199
het vagevuur en verleen hun den eeu-
wigen vrede.
DERDE TIENTJE.
O goede Jezus, wij smeeken U door
de smaad volle kroning welke Gij U voor
ons, arme zondaars, hebt laten welge-
vallen, red de arme zielen, bijzonder
onze lieve ouders, broeders en zusters,
bloedverwanten en weldoeners uit de
vlammen des vagevuurs en geef hun de
kroon der eeuwige glorie.
VIERDE TIENTJE.
O goede Jezus, wij smeeken U door
uwe zware kruisdraging, welke Gij voor
ons, arme zondaars, geduldig hebt op
U genomen, neem de arme zielen, bij-
zonder onze lieve oudere, broeders en
zusters, bloedverwanten en weldoeners
uit het vagevuur op, opdat zij U van
aanschijn tot aanschijn, eeuwig mogen
aanschouwen.
VIJFDE TIENTJE.
O goede Jezus, wij smeeken U door
uwe pijnlijke kruisiging, welke Gij voor
ons, arme zondaars, geleden hebt, ver-
-ocr page 206-
2oo Maria als Rozenkranskoningin
los de arme zielen, bijzonder onze lieve
ouders, broeders en zusters bloedver-
wanten en weldoeners van hunne smar-
ten en folteringen, en geleid hen tot de
eeuwige gelukzaligheid.
ZESDE TIENTJE.
O goede Jezus, wij smeeken, U door
uwe heilige vijf wonden en eiken drup-
pel bloeds, welken Gij in uw bitter
lijden en sterven voor ons, arme zon-
daars, vergoten hebt, vertroost de arme
zielen, bijzonder onze lieve ouders,
broeders en zusters, bloedverwanten en
genees hunne brandende wonden en
laat hen de vruchten genieten van uw
lijden en sterven in eene zalige eeuwig-
heid.
Litanie van O. L. V. van Loretto.
Onder uwe bescherming enz.
V. Bid voor hen, H. Moeder Gods.
J\\.. Opdat zij der beloften van Chris-
tus waardig worden.
GEBED.
Wij bidden U, o Heer, stort uwe
barmhartigheden uit over de arme zie-
-ocr page 207-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 201
len in het vagevuur, opdat zij, die in
U geloofd en op U vertrouwd hebben,
niet langer meer lijden, maar tot de
hemelsche vreugden gebracht worden,
door Tezus Christus, Onzen Heer. Amen.
ir. Bid voor hen o allerzaligste Joseph!
fy. Opdat zij enz.
GEBED.
Wij bidden U, o Heer, dat de arme \'
zielen door de verdiensten van den
kuischen Bruidegom uwer allerheiligste
Moeder morgen geholpen worden, opdat
hetgeen wij door ons zelven niet kunnen
bekomen, hun door zijne voorspraak
verleend worde, Gij die leeft en heerscht
met den Vader, in de eenheid des
H. Geestes, God in eeuwigheid. Amen.
Heer, geef hun de eeuwige rust!
En het eeuwige licht verschijne hen.
Dat zij rusten in vrede. Amen.
-ocr page 208-
202 Maria als Rozenkranskoningin
27 OCTOBEE.
tyezmijd aiic aebzeften ondet -A.et
êilo&en-fizaAtiae-tieS.
*Gij vraagt en verkrijgt niet,
ttomdat gij slecht bidt.
H. Jac. 4. 3.
,£5K7?, RAAGT EN GIJ ZULT VERKRIJGEN,
Vw z0° l*-iiclt de onfeilbare belofte,
ons door Jezus Christus gedaan; zeker
zal dus ons gebed verhoord worden,
bijaldien wij bidden met eerbied^ met
aandacht en godsvrucht.
1. Vermijd daarom zorgvuldig alle
vrijwillige vcrstrooidhcden.
Deze kunnen
voortkomen, eerstens, uit onze nalatig-
heid en traagheid, dewijl wij ons gedu-
rende den dag met zoovele zaken bezig
houden, zonder ons hart en onze ge-
dachten genoegzaam te bewaken.
Tweedens, worden zij niet zelden ver-
oorzaakt door de bekoringen des duivels,
die ons benijdt wegens het gebed, waar-
door ons alle goed toekomt.
Ten derde, kunnen zij ontstaan en
-ocr page 209-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 203
dikwerf zonder onze schuld, uit onze
zwakheid en gebrekkelijkheid. Onze ver-
beeldingskracht is namelijk door de
zonde zoo bedorven, dat wij niet eens
een »Onze Vader" kunnen bidden, zon-
der dat zich verscheidene vreemde ge-
dachten aan onzen geest voordoen.
Waaruit ook de verstrooidheden voort-
komen, zij benadeelen ons niet, zij zijn
geene zonde, zoolang zij tegen onzen
wil ontstaan.
Wanneer gij begint te bidden, en on-
der het gebed komen verscheidene
vreemde gedachten in u op, zonder dat
gij het bemerkt of wilt, en gaat voort
met den ernstigen wil goed te bidden,
dan hebt gij niet gezondigd.
Wat meer is, bijaldien gij u beijvert
deze verstrooidheden uit uw geest \'te
verbannen, dan hebt gij eene groote
deugd beoefend, een goeden strijd ge-
streden en nieuwe verdiensten bij God
verworven.
Edoch, wanneer gij u bewust zijt
vreemde gedachten te hebben, en uit
onverschilligheid of traagheid deze niet
verwerpt of er vrijwillig behagen in
schept, dan maakt ge u aan zonde
-ocr page 210-
204 Maria als Rozcnkranskoningin
schuldig, al is het ook geene doodzonde.
Waak derhalve over uw hart; verzamel
uwe gedachten vooraleer gij begint den
H. Rozenkrans te bidden: kniel in den
geest neder voor den troon der Hemel-
koningin; stel u levendig voor oogen,
dat gij thans een van die millioenen
gelukkigen zijt, die de H. Moeder Gods
met U, in den schoonen hemel en op
de aarde loven, prijzen, danken en
gunsten van hare goedheid afsmeeken.
Roep uw heiligen Engelbewaarder aan,
opdat hij uw hart en geest van alle
verstrooidheid beware; opdat gij den
rozenkrans tot meerdere eer van God,
tot welgevallen uwer lieve hemelsche
Moeder, moogt bidden.
Een zeer krachtig middel tegen de
verstrooingen is ook de gedachte, hoe
zeer wij het gebed noodig hebben, en
de hulp van God, door Maria\'s mach-
tige voorspraak. Bid daarom steeds met
een kinderlijk vertrouwen en spreek met
David: -»Heer, ik ben ellendig en arm^
help mij."
II. Draag zorg den H. Rozenkrans
te bidden, met eene goede meening.
-ocr page 211-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 205
Dal uwe eerste en beste meening steeds
deze zij: «Wanneer mijn rozenkrans
slechts God onzen Heer welgevallig is,
indien ik hierdoor slechts het zoete hart
mijner hemelsche Moeder Maria vreugde
kan verschaffen, dan ben ik tevreden,
al mocht ik ook verder niets verkrijgen.
Mijne verdiensten draag ik op aan de
Koningin van den H. Rozenkrans; Zij
moge hierover beschikken naar welge-
vallen."
Hoe voordeelig zulke goede meening
is, kunt gij afleiden uit de volgende
openbaring aan de H. Gertrudis:
Zij zag eens Onzen Heer Jezus Chris-
tus op zijn troon, en den H. Joannes
schrijvend aan zijne voeten gezeten.
Dan eens gebruikte deze geliefde leer-
ling van Jezus zwarten inkt, een ander
maal goud, en ook doopte hij zijne pen
in de heilige zijde Zijns Meesters en
bloedroode letteren schreef hij dan neder.
Aan de heilige Gertrudis werd alsdan
verklaard, dat de met zwarten inkt ge-
schreven, zulke werken waren, welke
men uit gewoonte of tot eigen voordeel
verricht; de met bloed geteekcnde waren
dezulke, die gedaan werden ter eere
-ocr page 212-
2o6 Maria als Rozenkranskoningin
van het lijden van Jezus en Maria; en
eindelijk de gouden letteren duidden aan,
dat het werk geschiedde uit zuivere
liefde tot God en tot heil der Kerk.
Ongetwijfeld kunt gij bij zulke heilige
meening er nog andere bijvoegen; voor
u zelven en voor anderen kunt gij ook
tijdelijk gunsten afsmeek en; \'t is immers
rechtmatig en billijk, dat wij alle goeds
van God vragen en Maria, onze teedere
Moeder, aanroepen als onze middelares
en voorspreekster.
III. Bid eindelijk met geloof en ver-
trouwen; ootmoedig, met volharding en
in Gods H. wil berustend.
Herinner u Jezus\' woorden: »En al
wat gij in het gebed, geloovende, zult
bidden, dat zult gij ontvangen." i)
Wees ootmoedig: sHet gebed van
den nederige dringt door de wolken,
en wijkt niet weg, voor aleer de Aller-
hoogste het heeft aangezien." 2)
Zoek ook in alles te volbrengen Gods
heiligen wil, Wiens Voorzienigheid het
beste voor U beschikt: «Vader! niet
1)   Matth. 21. 22.
2)  Sir. 35. 21.
-ocr page 213-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 207
mijn wil, maar de Uwe geschiede." 1)
Bid alzoo met een levend geloof, een
diepen eerbied, een kinderlijk vertrou-
wen, eene onwankelbare volharding;
mochten er dan ook, uit menschelijke
zwakheid, eenige gebreken voorkomen
in uwe gebeden, beveel dan bij het
einde uw gebed aan het goddelijk Hart
van Jezus en het allerheiligste Hart van
Maria en smeek deze beide hemelsche
liefdebronnen, dat zij door hunne kost-
bare verdiensten en heiligste gebeden,
waarmede zij op aarde den Hemelschen
Vader verheerlijkten, al uwe fouten uit-
wisschen en u hunne mildste barmhar-
tigheden deelachtig maken.
1) Luc. 22. 42.
-ocr page 214-
2o8 Maria als Rozenkranskoningin
28 OCTOBER.
Stiij9 vocz, de ccz, dco Slo&en-
hza mdouinain.
•Die HiiJ in het licht stellen, ver-
mkrijgen het eeuwige leven\'\'
Sir. 24. 31.
Sltëjjpret gejubel en vreugde vernam de
\'X \'Èl katholieke wereld, dat Z. H. onze
roemrijk regeerende Paus, Leo XIII, bij
breve van 10 Dec. 1883, eene nieuwe
parel had gehecht aan de schitterende
kroon van Maria, dewijl Hij voorschreef,
voortaan in de Litanie van Loretto de
H. Maagd aan te roepen en te vereeren,
als Koningin van den allerheilig sten Ro-
zenkrans.
Dit besluit van het Opperhoofd der
H. Kerk, alsmede zijne vaderlijke ver-
maningen en opwekkingen, de H. Moe-
der Gods door het bidden van den
Rozenkrans ijverig te vereeren, heeft
reeds zeer veel bijgedragen, dat de H.
Rozenkrans in onze dagen meer en
godvruchtiger gebeden wordt, dat het
-ocr page 215-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 209
getal der kinderen en dienaren van
Maria aanmerkelijk is aangegroeid, die
Haar allen vurig beminnen, getrouw
dienen tot het einde huns levens, en
daardoor hare gelukkige en dankbare
kinderen eens zijn zullen in den hemel.
Er zijn nochtans vele onverschillige
christenen, die den rozenkrans noemen
een kinderachtig, vervelend, geestdoo-
dend lippengebed; die hem niet alleen
niet bidden, maar met de vrome diena-
ren der Rozenkranskoningin den spot
drijven.
Tegenover deze verblinde ongelukki-
gen, moet gij voor Maria\'s eer strijden
en den rozenkrans verdedigen als een
gebed, dat wel is waar eervoudig, maar
echt christelijk is, eerbiedwaardig, hoogst
verdienstelijk, door de Heiligen steeds
beoefend, door de Kerk goedgekeurd,
dringend aanbevolen en met talrijke hei-
lige aflaten verrijkt.
2. Maar, die tweevoudige herhaling
dan van dezelfde geheimen, dat gedurig
bidden van hetzelfde gebed, het sWees
Gegroet,".... zeggen wederom anderen.
Eens kwam eene Kananeesche vrouw
bij den Zaligmaker; zij riep onophoude-
14
-ocr page 216-
2io Maria als Rozenkranskoningin
lijk tot Hem, zeggende: »Ontferm u
■> mijner^ Hcerc^ Zoon van Davit/; mijne
* dochter wordt deerlijk van den duivel
»gekweld."
Onze goddelijke Leermeester hoorde
deze vrouw roepen; Hij liet haar smee-
ken, en antwoordde niet één woord,
zoodat de Apostelen er op aandrongen,
haar te verhooren of weg te zenden:
tlaai haar van u; want zij roept ons na."
Ook toen nog niet verhoorde Jezus
hare bede.
Eerst toen zij voor Gods Eenigen
Zoon nederknielde en Hem aanbad;
toen zij zich niet liet afschrikken door
zijn weigerend antwoord, maar met steeds
grooter vertrouwen van zijne macht en
goedheid hulp verwachtte, toen eerst
sprak Jezus: iö vrouw^ groot is uw
geloofd u geschiede^ gelijk gij wilt. En
ti hare dochter werd van die ure af gezond "
Jezus verhoorde dus deze vrouw op
hare herhaalde smeekingen.
Is dit niet hetzelfde geval bij den
H. Rozenkrans, wanneer wij God vol-
hardend blijven bidden om zijne gunsten,
door zoovele Onze Vaders en Wees Ge-
groeten f
-ocr page 217-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 211
Bij eene andere gelegenheid verhaalt
de Goddelijke Verlosser zelf, hoe de
hemelsche Vader een volhardend en
dikwerf herhaald gebed, gaarne toelaat
en verhoort.
»Zoo iemand van U een vriend heeft,.
en die te middernacht tot hem komt,
en hem zegt: » Vriend, leen mij drie
brooden. Want mijn vriend is van de
reis tot mij gekomen, en ik heb niets
om hem voor te zetten." En zoo die
van binnen antwoordt en zegt: tVal
mij niet lastig, de deur is reeds gesloten,
en mijne kinderen zijn, zoowel als ik,
in de slaapkamer; ik kan niet opstaan
en u geven."
»En zoo de andere blijft kloppen; ik
zeg u, dat al stond hij niet op, en gave
hem, omdat hij zijn vriend is, hij noch-
tans om zijne lastigheid zal opstaan, en
hem geven, zooveel hij van noode heeft.
En ik zeg u: Bidt en u zal gegeven
worden; zoekt en gij zult vinden; klopt
en u zal worden opengedaan." 1)
Hadde Onze Heer Jezus Christus dit
voorbeeld kunnen aanhalen, wanneer er
1) Luc. II. 5.
-ocr page 218-
212 Maria als Rozenkranskoningin
iets berispelijks te vinden ware in het
herhalen van hetzelfde gebed ? Voorze-
ker niet.
3. Maar, heeft niet Jezus Christus ge-
zegd: s Wanneer gij bidt, zult gij niet
veel spreken, gelijk de heidenen;
want zij
wanen, dat zij door hunne veelheid van
woorden verhoord zullen worden?" 1)
Ongetwijfeld heeft onze goddelijke
Verlosser het «veel spreken", het woor-
den maken, verworpen; maar tusschen
»veel spreken" en bidden is een groot
onderscheid.
» Veel spreken" wil hier zeggen: met
God in gekunstelde, ijdele, gezochte,
hoogdravende woorden spreken, zoo als
menigmaal gesproken wordt tot men-
schen, die men zoekt te vleien of met
bedriegelijke grootspraak voor zich te
winnen.
Op zulke wijze met God spreken heeft
Christus voorzeker afgekeurd, maarniet
het aanhoudend, kinderlijk, ootmoedig,
vertrouwvol en hartelijk gebed.
Wat meer is, om ons tot voorbeeld
te strekken, heeft de God-Mensch veer-
1) Matth 6. 7.
-ocr page 219-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 213
tig dagen in de woestijn aanhoudend
gebeden. Gansche nachten bracht Hij
door in het gebed, dan op een berg,
dan in den Olijfhof; herhaalde malen
vermaande Hij zijne leerlingen met Hem
te waken en te bidden, en zijn heilig
Hart was bitter bedroefd, dat zij nog
niet ééne enkele uur met Hem in het
gebed doorbrachten.
Bid daarom met de diepste godvrucht
den H. Rozenkrans, en zoete vreugde
zult gij bereiden aan het allerheiligste
Hart van Jezus en het Onbevlekte hart
zijner goddelijke Moeder.
Is uw hart vervuld met eene heilige
liefde tot Jezus en Maria, dan zal het
u nooit te veel zijn, tien maal, ja, hon-
derd- en duizend maal te zeggen: Die
voor ons water en bloed gezweet heeft.
Die voor ons gegeeseld is.
Die voor ohs met doornen is gekroond.
Die voor ons het zware kruis gedra-
gen heeft.
Die voor ons is gekruisigd geworden.
En welke vreugde voor een goedge-
aard kinderhart, zoo menigmaal tot onze
lieve Moeder in den hemel te kunnen
zeggen:
-ocr page 220-
214 Maria als Rozcnkranskoningin
Die L\\ o Maagd, in den hemel opge-
nomen en aldaar gekroond heeft!
4. Iets anders nog. Is de herhaling
der heilige gebeden van den Rozenkrans,
inderdaad niet de beste voldoening voor
de herhaalde en telken male vernieuwde
zonden, waardoor wij en alle menschen
op aarde, zoovele honderden en duizen-
den malen Jezus beleedigen, Hem als
het ware in het aangezicht slaan, vooral
door het misbruik van zijn driewerf
Heiligen Naam, door vloeken en gods-
lasteringen ?
»De ongeloovige moge spotten, wan-
neer hij gansche rijen van menschen
ziet voorbijgaan, die steeds een en het-
zelfde woord uitspreken: Wees gegroet,
Maria;
edoch hij, wien het licht des
geloofs verschenen is, hij begrijpt en
gevoelt dat de ljefde slechts één woord
heeft, en dat het geene herhaling is,
wanneer zij steeds datzelfde woord ge-
bruikt." Zoo zegt de beroemde P. La-
cordaire.
Een ware dienaar van Maria bidt
daarom en blijft uit liefde tot zijne ver-
hevene Koningin steeds bidden: Wees
gegroet Maria, Gij sijt vol van genade ;
-ocr page 221-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 215
de Heer is met u; gezegend zift Gif
onder de vrouwen en gezegend is de
vrucht mos lichaams, Jezus\'.
29 OCTOBEE.
©o cïlo&eii hzan»-&ondaa en ?c
•mcian3 Gctoici.
»Bij mij ft "He genade des tevens
ttbij mij is alle hoof* der deugd."
Sir. 24. 25.
.aET-^ij lezen in het Romeinsch Mar-
wvfflr tyrologium op den zevenden
üctober:
»Heden wordt de gedachtenis gevierd
van O. L. Vr. van Overwinning, een
feest dat de H. Paus Pius V instelde,
tot dankzegging voor de schitterende
zegepraal, welke de christenen op dezen
dag tegen de Turken behaalden in een
zeeslag, (Lepanto) door den bijstand
der H. Moeder Gods. Dewijl echter het
gebed van den heiligen Rozenkrans het
middel was, waarvan de H. Vader zich
-ocr page 222-
2i6          Maria als Rozenkranskoningin
bediende, om de H. Maagd in deze
groote gevaren voor de christelijke strij-
ders aan te roepen, schreef Hij voor,
dat op den feestdag van O. L. Vr. van
Overwinning, het feest van den H. Ro-
zenkrans zou gevierd worden.
Paus Greg. XIII verplaatste dit feest
voor alle bisdommen en kerken, op
den eersten zondag van October en
beval tevens, dat dit schoone feest der
H. Moeder Gods, met alle mogelijke
plechtigheid, maxima qua possit cele-
britate, zou gevierd worden, i Apr. 1573.
2.   Als waardige voorbereiding tot het
feest van den Allerheiligsten Rozenkrans
en ter eere van de Koningin des hemels
begon men in de i7de eeuw te Tou-
louse eene bijzondere oefening van de
15 zaterdagen^ welke hierin bestaat, dat
de geloovigen op vijftien achtereenvol-
gende en het Rozenkransfeest onmiddelijk
voorafgaande zaterdagen,
tot de HH. Sa-
cramenten naderen en ter eere van de
15 geheimen eenige godvruchtige werken
verrichten.
Deze godvruchtige oefening kan ook
gehouden worden in den loop des jaars.
3.  De groote aflaat; Toties, quoties.
-ocr page 223-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 217
Deze volle aflaat, welken men op den
feestdag van den H. Rozenkrans, zoo
dikwijls kan verdienen als men eene
kerk bezoekt, is gelijk aan den beroem-
den aflaat van Portiuncula.
Deze groote aflaat kan niet alleen
verdiend worden in de kerken der Do-
minicanen; maar ook in alle kerken,
7i>aar de broederschap van den H. Ro-
zenkrans wettig is opgericht.
Alle geloovigen kunnen er aan deel-
achtig worden, ook zij die niet tot de
broederschap behooren, wanneer zij na
eene heilige biecht en communie, van af
de eerste vespers op den vooravond tot
aan zonsondergang van hel Rozenkrans-
feest,
de rozenkranskapel of een beeld
der Rozenkranskoningin, dat in eene
kerk openlijk vereerd wordt, godvruch-
tig bezoeken en eenigen tijd aldaar bid-
den volgens de meening van Z. H. Zoo
dikwerf deze heilige oefening herhaald
wordt, evenzoo dikwijls kan men dezen
aflaat verdienen.
4. Opdat echter de godsvrucht der
geloovigen tot Maria, na het Rozen-
kransfeest niet verflauwe, maar steeds
levendig en krachtig blijve, en van den
-ocr page 224-
2i8 Maria als Rozenkranskoningin
troon der goddelijke barmhartigheid voor
het welzijn der Kerk en het heil der
zielen machtigen bijstand verwerve, heeft
onze H. Vader Leo XIII, de gansche
maand October, aan de bijzondere ver-
eering der H. Rozenkranskoningin toe-
gewijd:
In zijne beroemde Encycliek van den
i Sept. 1883, schrijft de groote Paus:
»Wij willen niet alleen alle christenen
aansporen om of te zamen in het open-
baar, of elk in het bijzonder en in den
huiselijken kring den Rozenkrans te bid-
den; maar wij willen ook, dat de gan-
sche maand October aanstaande
heilig
gevierd worde, ter eere van O. L. Vr.
van den Rozenkrans.
Wij besluiten en bevelen dus, dat
dit jaar in heel de katholieke wereld,
de oefeningen van den rozenkrans met
bijzondere godsvrucht en plechtigheid
gehouden worden; dat namelijk van den
1 October aanstaande tot den 2 No-
vember opvolgend, in alle parochieker-
ken, en indien de plaatselijke Bisschop-
pen het goedvinden, in alle andere aan
Maria toegewijde kerken of kapellen,
ten minste vijf tientjes van den rozen-
-ocr page 225-
en het Rijk harcr Barmhartigheid. 219
krans met de litanie van Loretto gebe-
den worden; Wij verlangen verder, dat,
terwijl de geloovigen die gebeden ver-
richten, een priester of de H. Mis op-
drage of na uitstelling van het H. Sa-
crament, het volk met het Allerheiligste
zegene.
Wij keuren volkomen goed, dat de
broederschappen van den Rozenkrans
in de steden, naar voorvaderlijk gebruik,
processie houden en zoo hun godsdienst
openbaar verheerlijken.
Waar dit echter, uit hoofde van slechte
tijdsomstandigheden, niet kan geschieden,
zal men de openbare miskenning van
den godsdienst trachten te vergoeden
door een grooteren toeloop in de kerken
en door grootere blijken van geloof,
te zamen met vuriger ijver in de beoe-
fening der christelijke deugden.
Ten voordeele nu van hen, die deze
voorschriften zullen volbrengen, behaagt
het ons de hemelsche schatten der
H. Kerk te openen, ten einde zij er
tevens aanmoediging en belooning voor
hunne godsvrucht uit putten.
1. Aldus aan allen, die binnen den
bepaalden tijd, den rozenkrans met de
-ocr page 226-
220 Maria als Rozenkranskoningin
litanie in het openbaar bijwonen en
naar onze meening bidden, verkenen
wij telkens zeven jaren en zeven qua-
dragenen aflaat.
Deze aflaten vallen ook te beurt aan
hen, die deze gebeden niet kunnen bij-
wonen en ze afzonderlijk verrichten.
2.  Aan hen, die binnen dien tijd,
minstens tien maal, hetzij in het open-
baar in de kerken, hetzij om billijke
redenen in huis, genoemde oefeningen
volbrengen en door de H. Biecht ge-
zuiverd de H. Communie ontvangen,
verleenen wij door Pauselijken aflaat,
volledige kwijtschelding van straffen en
boeten.
3.  Denzelfden aflaat vergunnen wij
aan allen, die op den feestdag van
O. L. Vr. van den Rozenkrans, of op
een der achtvolgende dagen, na gebiecht
te hebben, zullen naderen tot de tafel
des Heeren, en in eene of andere Kerk
God en Gods Moeder bidden voor de
noodwendigheden der H. Kerk naar
Onze meening."
Deze voorschriften en gunsten heeft
Z. H. de Paus, telken jare hernieuwd.
Welaan dan! Kinderen van Maria en
-ocr page 227-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 221
der heilige katholieke kerk, viert niet
vreugdevoller! ijver, met zuivere en Gode
welgevallige harten het schoone Rozen-
kransfeest en de gansche maand Octo-
ber, volgens de meening van Onzen
Heiligen Vader, tot eer van God, tot
verheerlijking van Maria, tot welzijn on-
zer H. Kerk, tot heil der onsterfelijke
en door Jezus\' Bloed vrijgekochte zielen.
30 0CT0BER.
®c 2\\tanic van £otctto.
^Gezegend zift gij\' onder de vrouwen"
Luc. 1. 42.
^K?¥a het gebed des Heeren, door Jezus
^^)j* zei ven ons geleerd; na het »\\Vees
Gegroet," waarmede de Aartsengel Ga-
briel en de H. Elisabeth Maria begroet-
ten, is er geen schooner, waardiger,
krachtiger, en genadevoller gebed dan
de Litanie ter eere van de allerzaligste
Maagd, welke in de Bullen van Paus
Sixtus V, Clemens VIII en Allexander
VII, de litanie van Loretto genoemd
-ocr page 228-
222 Maria als Rozenkranskoningin
wordt, en ook in den mond van het
geloovige volk dezen naam draagt.
Dezen naam heeft zij ontvangen, dewijl
sedert onheugelijke tijden, deze litanie
in de heilige kapel van Onze Lieve
Vrouw te Loretto, (bij Ancona in Italië)
eiken Zaterdag plechtig werd gezongen.
Deze schoone litanie, welke de glorie-
rijkste eeretitels, lofspraken en namen
bevat op Maria toepasselijk, is eerbied-
waardig, door haar ouderdom, was steeds
het lievelingsgebed van den braven
christen en vurigen dienaar van Maria,
werd voortdurend op bijzondere wijze
door de kerk goedgekeurd en aange-
prezen, en vormt een heerlijk slotgebed
van den II. Rozenkrans.
2. Dit heerlijk en verheven gebed
verheft op gansch bijzondere wijze onzen
geest en ons hart tot Maria. In treffen-
de bewoordingen vertoont zij ons Maria
in hare verhouding tot de aanbiddelijke
Drievuldigheid; vooral tot Jezus Christus,
Gods Eenigen Zoon en den verlosser
der wereld; tot zijn verlossingswerk, tot
de strijdende, de lijdende en de zege-
pralende Kerk.
Zij stelt ons Maria voor oogen in hare
-ocr page 229-
en het Rijk harer Barmhartighied. 223
waard igheid van Maagd en Moeder
Gods; als Koningin van hemel en aarde,
van Engelen en heiligen.
Zij stelt ons Maria voor, in hare
schitterende deugden en onmetelijke
verdiensten, in hare glorie en heerlijk-
heid, in hare macht en de volheid der
genade.
Zij wekt ons voortdurend op, Maria
na te volgen in haren heiligen levens-
wandel.
Zij plaatst ons onder hare moeder-
lijke bescherming en bezielt ons met
een onwankelbaar vertrouwen in hare
machtige voorspraak bij God.
Zij vervult ons met een diepen eer-
bied voor Maria, met eene kinderlijke
liefde tot die goede Moeder, met eene
oprechte dankbaarheid voor de tallooze
weldaden, gunsten en zegeningen door
Haar verkregen.
Zij doet in ons hart ontstaan schaamte
en berouw over onze zonden en gebre-
ken; haat en afkeer tegen alles wat
onze warrdigheid als mensch en als
christen onteert, wat ons van Jezus en
Maria kan scheiden, en van den weg
-ocr page 230-
224 Maria als Rozcnkranskoningin
der bekeering, der boetvaardigheid, der
zaligheid aftrekken.
Zij boezemt ons eene hemelsche ge-
zindheid in, veredelt ons hart en onze
ziel; omstraalt ons met het licht der
hemelsche genaden, en voert ons naar
het hart van Jezus en Maria, waar wij
alléén rust, vrede en zaligheid vinden.
3. \'t Is daarom dan ook de wensch
van onze heilige Kerk, dat wij de
litanie van Loretto bij den Rozenkrans
voegen, en zij heeft daarom aan dezelve
vele aflaten verbonden.
Bij breve van 24 Dec. 1883, beval
de groote vereerder der H. Rozenkrans-
koningin, onze roemrijke regeerende
Paus Leo XIII, dat in de Litanie van
Loretto, na de aanroeping: »Koningin
zonder erf smet ontvangen"
zou bijgevoegd
worden: Koningin van den allerheilig-
sten Rozenkrans b. v. o.
AFLATEN.
1.  300 dagen aflaat, wanneer men
de Litanie van Loretto met een god-
vruchtig en rouwmoedig hart bidt.
2.  een volle aflaat op de feestdagen
der Onbevlekte Ontvangenis, O. L. V.
-ocr page 231-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 225
Lichtmis, O. L. V. Boodschap, Hemel-
vaart en Geboorte van Maria, onder
de gewone voorwaarden, aan allen die
dagelijks met een berouwvol hart god-
vruchtig dit gebed verrichten.
1. Wanneer gij dan deze heerlijke
litanie der allerzaligste en allerreinste
Maagd bidt, verplaats u dan in den
geest in het hoogheilig en eerbiedwaar-
dig huisje van Nazareth, hetwelk gedu-
rende eeuwen achtereenvolgens, door
duizenden pelgrims bezocht en vereerd
en sedert het jaar 1295 op wondervolle
wijze door de H. Engelen overgebracht
werd naar Loretto.
Op de vier deuren van dit heilige
huis staan de volgende beteekenisvolle
opschriften:
Op de eerste deur: >Dat hij, die niet
rein is, vreeze deze kapel binnen te
treden; de aardbodem draagt geen hei-
ligdom, dat heiliger is."
2dc deur: Zoude niet deze woning
daardoor nog heiliger zijn, wijl ze door
den Prins der Apostelen is gewijd, in
dezelve het Eeuwige woord is ontvan-
gen en ook de Maagdelijke Moeder ge-
boren werd ?
15
-ocr page 232-
226 Maria als Rozenkranskoningin
3d<! deur: Onze vaderen hebben
elders tempels gebouwd; dit heiligdom
echter, veel eerbiedwaardiger dan alle
andere, hebben Engelenscharen voor de
Moedermaagd en God zelven hier neer-
gezet.
4de deur: Op de geheele aarde is
geene plaats, welke deze in heiligheid
overtreft, hoe ver ook de wereld zich
uitbreide, of eilanden zich uit den Oceaan
verheffen.
Zoo kunt gij bij elke Litanie van
Loretto, die gij aandachtig bidt, eene
vrome bedevaart doen naar dit heilig
huis, waar Maria met Jezus, met Joseph,
met Joachim en Anna eens woonde, totdat
gij eens met hen eeuwig en zalig wonen
zult in het rijk der hemelen.
-ocr page 233-
en het Rijk harer Barmhartigheid. 227
31 OCTOBEE.
©e taatslc cRo-omfüciu:» op aaide-
de eeisle \\n den kemcC.
• Verlaat haar niet, en zij zal u èehoetUn; heb
haar lief, en zij zat n behouden."
Spr. 4. 6.
jjj&n een voornaam gezelschap kwam
StJK eens de rozenkrans ter sprake en
dit hemelsch gebed, den vromen chris-
ten zoo dierbaar, werd een voorwerp
van bitteren spot.
Tot aller verbazing stond een jeugdig
geneesheer op, om de eer te verdedigen
van de Koningin van den H. Rozenkrans.
»Er is een tijd geweest", zoo begon
hij, »dat ook ik dacht en sprak over
den rozenkrans, zoo als gij thans. Ver-
neemt echter, wat mij tot andere ge-
voelens gebracht, ja, zelfs tot eerbied
opgewekt heeft voor dit schoone gebed.
F.ens hield ik mij ijverig bezig met
de ontleedkunde, toen men in het hos-
pitaal het lijk binnenbracht eener arme,
oude vrouw, die pas in den Heer was
ontslapen.
-ocr page 234-
2-28 Maria als Rozenkranskoningin
Het was mijne taak dit ontzielde
lichaam zoo te plaatsen, dat de stu-
denten in korten tijd, onder de leiding
van hun leeraar de proefneming hierop
konden nemen.
Voor alles echter moesten hare kramp-
achtig in elkander gewrongen handen
losgemaakt worden.
Wat vertoonde zich toen aan mijne
blikken ?
Om de gesloten handen was een ro-
zenkrans gevlochten, welks kruisje tus-
schen dezelve als vastgeworteld scheen.
Een hemelzoete glimlach speelde om de
lippen der ontslapene; rust, vrede en
troost lagen op haar aangezicht ver-
spreid, en op dat oogenblik was ik innig
overtuigd van de bovennatuurlijke kracht
van den godsdienst.
Onwillekeurig dacht ik toen aan mijne
moeder, die ik eens met den rozenkrans
in hare handen en eene kalme rust op
haar aangezicht, op het doodsbed zag
liggen.
Voor niets ter wereld was ik nu in
staat deze gevouwde handen los te ma-
ken en den rozenkrans weg te nemen.
Ik verliet de kamer, gaf mijn werk aan
-ocr page 235-
en het R|k harcr Barmhartigheid. 229
anderen over, mijn hart was vol, mijne
ziel hevig ontroerd.
Sinds is de rozenkrans mij eerbied-
waardig, en beschouw ik hem als de
palmtak der overwinning over den dood
en het graf."
Ongetwijfeld, wij, kinderen en vereer-
ders der H. Rozenkranskoningin, wij
hopen ook eens in vrede te sterven;
met het schitterend teeken der voorbe-
schikking op ons voorhoofd; in het ge-
loof aan Jezus Christus, Onzen Heer en
Verlosser; in de zoete hoop der eeuwige
zaligheid, en onder den bijstand en de
voorspraak van alle Heiligen Gods, en
gansch in het bijzonder, van onze lieve,
goedertierene, machtige Moeder Maria,
de ndeur des hemels."
In dat uur van scheiden, dat bange
uur des doodstrijds, dat uur, waarop
alles voor ons op het spel staat: onze
onsterfelijke ziel, ons geheel leven, de
eeuwigheid, de gelukzaligheid des he-
mels; in dat alles beslissend oogenblik
zullen wij den dierbaren rozenkrans in
onze handen nemen, en met hoop en
-ocr page 236-
230 Maria als Rozenkranskoningin
vertrouwen opzien tot den genadetroon
van Jezus en Maria.
Gelukkig, driewerf gelukkig, wanneer
wij eens zoo zullen sterven, den heiligen
rozenkrans in onze eerbiedig gevouwde
handen; het kruis op onze stervende
lippen; onze blikken vol hoop en ver-
trouwen op den hemel gevestigd, en de
vrede en liefde van Jezus en Maria in
het hart — o, dat maakt den dood zoet
— dat geeft hoop en moed in die bange
ure — dat ontsluit de deuren des he-
mels !
En zoo zal onze laatste rozenkrans,
welken wij hier op aarde nog onder
tranen en lijden gebeden hebben, onze
eerste en eeuwige jubeirozenkrans zijn
in den hemel.
-ocr page 237-
Tweede ©eel.
—"vu-o-o-:-"
I(,i7,illl-\'. hli;|||_
ia n
J3g IS jSfcjjeintën uati fan
5. Hopmans.
-ocr page 238-
-ocr page 239-
f)e blijde G[el\\eirqei|.
I. JDiEü Gij, d f^aagti, nait im §. Gffsf
ottfoangen Ijcbi.
Ziehier de dienstmaagd des lleeren.
Luc. I. 38.
VOORBEREIDJN\'GSGEBED.
allerheiligste Heer Jezus Christus,
alwetende, barmhartige God, ik
-ocr page 240-
234 Maria als Rozenkranskoningin
aanbid U van ganscher harte en smeek
U, richt mijne zinnen op U alleen, rei-
nig mij van alle verkeerde en verstrooide
gedachten, verlicht mijn verstand, be-
weeg mijn hart, opdat ik in deze over-
weging de zintuigen mijns lichaams en
de krachten mijner ziel met alle aan-
dacht alleen tot uwe eer en tot mijn
heil moge aanwenden en voor \'t aan-
schijn uwer goddelijke Majesteit, door
Uw allerheiligst Hart en de voorbede
Uwer gezegende Moeder Maria, moge
verhoord worden.
O mijn allerliefste Jezus, in vereeni-
ging met de goddelijke meening uws
Harten, waarmede Gij zelf op aarde
aan God het offer der hulde en der
liefde gebracht hebt, offer ik U dit ge-
bed. *)
i. Bid met de H. Maagd in hare kamer.
toeschouw de nederige, reine en van
__\\ liefde gloeiende Maagd Maria in
haar eenvoudig kamertje te Nazareth,
") Dit gebed dient voor het begin van iedere
overweging.
-ocr page 241-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 235
biddend en verzuchtend naar de
komst des Verlossers. Gelijk de tortel-
duif, versmachtte hare reine ziel naar
den Geliefde, en zag Zij reikhalzend uit
naar het oogenblik waarop Hij zou ko-
men. Met de vrome oudvaders verzucht
Zij: »Dauwt Hemelen den Gerechte,
wolken regent Hem, open u, o aarde
en doe voor ons den Heiland der we-
reld ontspruiten."
Een bliksemschicht gelijk, doordringt
dit kinderlijk onschuldig en heilig smeek-
gebed de wolken; als een geurige wie-
rook stijgt haar verlangen hemelwaarts,
tot voor den troon van den Drieeenigen
God. Hare diepe nederigheid deed uit
den schoot des Eeuwigen Vader, den
Geliefde haars Harten nederdalen in
haren maagdelijken schoot. Hare schit-
terende reinheid bereidde die Gode
aangename rustplaats; de Serafijnengloed
harer zuiverste liefde was de kostbaarste
diamant, welken Zij den Geliefde be-
waarde, Hem wachtende met kracht-
dadig geloof, met onwankelbare hoop.
In oneindige mate overtrof Zij allen
van haar geslacht in deugd en heilig-
heid en toch was het verre van Haar
-ocr page 242-
236 Maria als Rozenkranskoningin
te denken, dat Zij zelve, de gezegende
Moeder des Heeren zou worden.
2. Groei Maria met den, Engel.
^J5\\xe tijden der voorzegging waren ver-
sjjjggi vuld, het oogenblik naderde dat
het eeuwig Woord des Vaders van \'t
hoogste der Hemelen zou afdalen 0111
Mensch te worden en de schuldige we-
reld te verlossen.
Eensklaps werd het stille woonvertrek
van Maria in een verblindenden licht-
glans gehuld. Een der Heraelvorsten, de
Aartsengel Gabriël verschijnt in zicht-
bare gestalte als \'s Heeren afgezant, om
de zaligste Maagd de blijde boodschap
te verkondigen, Haar groetend met de
woorden: » Wees gegroet, Gij vol van
genade, de Heer is met [/."
Geheel ver-
schrikt antwoordt de zuiverste Maagd,
die hare kindschheid door eeuwige be-
loflen den Heere had toegewijd: tHoe
zal dit geschieden daar Ik geen man
beken."
Een hemelsch blozen kleurt haar
maagdelijk gelaat. Liever wil zij afzien
van de zoo hooge waardigheid van \'t
goddelijk Moederschap, dan de lelie
harer maagdelijkheid te verliezen.
-ocr page 243-
De 15 Gch. v. d. H. Rozenkrans. 237
»Vrees niet," hervatte de Engel, »Gij
zult zonder letsel der maagdelijkheid
ontvangen. Gij wordt Moeder en blijft
Maagd. De H. Geest zal over U komen
en de kracht des Allerhoogsten zal U
overschaduwen."
Nederig stemde de genadevolle Maria
toe; Gods raadsbesluiten aanbiddend
sprak Zij: *Zie hier de dienstmaagd des
Heereti^ Mij geschiede naar Uw woord."
Vertoef hier eenige oogenblikken ter
liefde van God en betracht hoe de H.Drie-
vuldigheid daar tegenwoordig is om het
antwoord en de toestemming Harer
wondervolle dochter te vernemen; hoe
de drie goddelijke Personen liefdevol
en met welgevallen op de zedigheid
harer gebaren en woorden nederzien;
hoe behoedzaam en wijs de Engel Haar
met het geheim der Menschwording be-
kend maakt; hoe toegewijd en eerbiedig
Hij drlar staat voor zijne Heerscheres,
trouw zijne boodshap volbrengend, nauw-
keurig acht gevend op de woorden der
Maagd, opdat Hij behoorlijk moge ant-
woorden en in deze gewichtige en won-
dervolle werken den wil des Heeren
vervullen.
-ocr page 244-
238 Maria als Rozcnkranskoningin
Betracht ook de H. Maagd, hoe be-
deesd en ootmoedig Zij zich toont, hoe
haar aangezicht eene zekere verlegen-
heid uitdrukt, daar Zij zoo onverhoeds
door den Engel wordt toegesproken; hoe
Zij zich op zijne woorden niet verheft,
noch eenige eigenwaarde gevoelt, als
zij zulke heerlijke dingen van zich ver-
neemt, die nog nooit tot iemand waren
gesproken; alles schrijft Zij toe, aan
de goddelijke genade.
Leer van Haar, zedig en nederig te
zijn, want zonder deze eigenschappen
heeft de maagdelijkheid geringe waarde
(H. lionavemura.)
3. Aanbid het Vlcesch geworden Woord.
*fyjSfi, heilaanbrengend woord der Maagd:
)J^! j Het geschiede!" op \'t zelfde oogen-
blik opent zich de Hemel, de H. Geest
overschaduwt Maria en onverdeeld daalt
het eeuwige Woord des Vaders neder
in den schoot der reinste Maagd. Gods
Eenige Zoon neemt de menschelijke
natuur aan in het maagdelijk lichaam
van Maria, wordt Een der onzen, onze
Broeder. Het ware Licht is van den
-ocr page 245-
De 15 Gch. v. d. H. Rozenkrans. 239
hemel afgedaald om alle duisternissen
te verdrijven. Het levend Brood, het
leven der wereld, wordt bereid aan den
liefdegloed van het goddelijk Hart.
Verhoord en bevredigd is het ver-
langen en \'t gebed van Patriarchen en
Profeten: »Zend, o Heer, het Lam,
Dauwt gij, Hemelen, den Gerechte. Kom
o Heer, daal neder! ü Heer toon uw
aanschijn!" Dit geheim der menschwor-
ding van Gods Zoon is het begin, de
voortzetting en de voltrekking van alle
goed, dat wij bezitten en in eeuwigheid
bezitten zullen. Het is het huwelijk van
den Eeniggeboren Zoon Gods met de
menschelijke natuur, eene onoplosbare
vereeniging, een wonder der goddelijke
barmhartigheid, een meesterstuk van
Gods almacht, het begin der mensche-
lijke verlossing en de voltalligmaking
der heilige Engelen.
Hemelen staat verbaasd en bewondert
den grooten God, in den schoot der
nederige, arme, gehoorzame en gezegen-
de Maagd verborgen. — Sidder, o aarde,
draag in innigste dankbaarheid en die-
pen eerbied uw kostbaarsten schat!
Juich en jubel, mijne ziel, loof en prijs
-ocr page 246-
240 Maria als Rozcnkranskoningin
de liefde en barmhartigheid Gods!
Dring door in het van liefde vlammend
maagdelijk Hart, daar zult gij Den, Een
in wezen met den eeuwigen Vader, on-
geschapen Zoon, Dien de Hemelen der
Hemelen niet kunnen bevatten, zien
rusten; in Maria\'s schoot neergelegd als
op een leliénbed, gedurende negen volle
maanden, tot den dag Zijner geboorte.
De rozen en leliéngeur van haar maag-
delijk Hart is Zijne verkwikking. En-
gelenscharen omzweven Maria, Die met
de hemelsche Geesten lof- en danklie-
deren zingt, en steeds om genade en
ontferming smeekt voor \'t gevallen
menschdom.
Opwekking.
<M@gNDER de h. mis: Zie neder, Hemel-
y^j sche Vader op Maria, de zuivere
Bruid des H. Geestes, de zoete Moeder
van uw goddelijken Zoon! Ik offer U op
al die lofprijzingen en gebeden, welke
Maria, de vlekkelooze Maagd aan de
H. Drievuldigheid opdroeg voor de zon-
dige wereld, toen Zij het vleeschgewor-
den Woord onder haar Hart droeg.
-ocr page 247-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 241
Ik offer U op den liefdegloed van haar
heilig Hart, hare diepe nederigheid, haar
volmaakt geloof en volkomene onder-
werping aan uwen heiligen wil, in alle
beproevingen, omstandigheden, in lijden
en tegenspoed; hare bereidwaardige ge-
hoorzaamheid en engelachtige zuiverheid,
en vereenig al die akten met de liefde
der Engelen en Heiligen en alle op of-
feringen der God minnende zielen op
aarde.
Hemelsche Vader, zie neder op Jezus,
uw Eeniggeboren Zoon; zie hoe Hij ons
ter liefde, negen maanden rust in Ma-
ria\'s schoot. Beschouw zijne gevangen-
schap, Hij draagt liefdeketenen voor
ons, die Hij van den eeuwigen dood,
van de hel wil verlossen. Ik offer U
op, o Hemelsche Vader, al die gevoelens
en gewaarwordingen welke Jezus van af
\'t eerste oogenblik uit Maria\'s schoot,
U opdroeg. Hoor de smeekingen en
verzuchtingen van uw Zoon, onder Ma-
ria\'s zuiver Hart. Ik neem beide H. Har-
ten in mijne handen en vernieuw bij
ieder polsslag, door de kracht van alle
H. Misoffers, elke bede, dankzegging
opoffering, verzoening en gewaarwording
16
-ocr page 248-
242 Maria als Rozenkranskoningin
uit de Harten van Jezus en Maria. Va-
der, ik toon U, uw Zoon in die volsla-
gene vernedering en volmaakte liefde,
en ter wille van Hem, rustend onder
Maria\'s Hart, smeek ik U, o wend de
geesels uwer gramschap af van eene
schuldige wereld! Ontferm U over ons
dierbaar Vaderland, doe onze afgedwaal-
de broeders terugkeeren tot het alléén-
zaligmakend geloof, red de jeugd, be-
scherm de onschuld, bedek hen met
Maria\'s schild. Elke in gevaar verkee-
rende ziel breng ik tot de HH. Harten
van Jezus en Maria, en tot uwe grootste
vreugde offer ik TJ, hunne verdiensten
en bid ik al uwe HH. Engelen de on-
schuld tegen het moordzwaard der ver-
leiding te beschermen, door hetwelk,
helaas, zoovele zielen te gronde gaan.
«SpYij de h. communie : O Maria, mijne
>aS| beminde Heerscheres, zie, ik neem
mijn toevlucht tot uw maagdelijk Hart,
o open de schatten van genade, van
barmhartigheid, goedheid en liefde voor
mij en geheel de zondige wereld. Met
groot vertrouwen put ik uit uw rijk ge-
zegend Hart al die schatten van genade,
-ocr page 249-
De 15 Geh. v. cl. H. Rozenkrans. 243
waardoor ik ontferming vind voor \'t
aanschijn van den beleedigden God.
Mijne geliefde Vrouwe, beminde Ko-
ningin; ik bid U, leen mij als voorbe-
reiding tot de H. Communie uwe
schoone deugden, voornamelijk uw le-
vend geloof, uw vast vertrouwen, uwe
diepe nederigheid, uwe volmaakte zui-
verheid, uw seraphijnschen liefdegloed,
uwe volkomene armoede, uwe steeds
bereidvaardige gehoorzaamheid. Ik ver-
zamel alle H. verzuchtingen, uw
H. Hart ontweld; hiermede versierd en
van liefde ontvlamd, zou ik met dezelfde
begeerte, hetzelfde verlangen, waarmede
Gij Uw goddelijk Kind van den H.
Geest ontvangen hebt, willen naderen
tot het gastmaal der liefde. Ik offer al
uwe voorbereidingen tot de H. Commu-
nie voor de mijne op. Ik verzamel alle
akten der vrome zielen, die ooit geleefd
hebben en met al de liefde der Engelen
en Heiligen des Hemels wensch ik Jezus
in de H. Communie te ontvangen; Hem
zóó te ontvangen, gelijk de H. Maagd
Hem ontving van den H. Geest, en
steeds in de H. Communie.
Ook wil ik zóó, na de H. Communie
-ocr page 250-
244 Maria als Rozenkranskoningin
mijne dankzegging vereenigen met die
vurige dankbetuigingen van Maria en
van alle Godgewijde zielen en door
Maria\'s handen al mijne smeekingen
den Heere opdragen.
Ter wille van Maria, bid ik, U o mijn
Jezus om eene volmaakte liefde tot God
en mijn evenmensch, om haat tegen de
zonden en hare gelegenheden.
Ik smeek U, om geduld in al \'t lijden
en beproevingen, om zachtmoedigheid,
goedheid en barmhartigheid in mijn
omgang met anderen, om den geest
van gehoorzaamheid en onthechting, om
die kostbare deugd van engelachtige
zuiverheid en om de bijzondere genade,
in volmaakte liefde tot God te leven
en te sterven. Deze genade smeek ik
tevens voor alle met mij in zuivere
liefde vereenigde zielen. In uwe barm-
hartigheid beveel ik mede, mijne bloed-
verwanten, vrienden en bekenden, mijne
weldoeners en allen, die Maria op eene
bijzondere wijze vereeren en beminnen.
Dat alle menschen, vrienden en vij-
anden zich tot God bekeeren en eens
een zaligen dood sterven. Amen.
-ocr page 251-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 24.5
II. J3ifti pij, o ^aagb, J3(is«ibefh bfjO?f}?it&e,
gröragrii hél
Gezegend, zijl Gij onder de vrouwen, en
gezegend is de vriteht uws liehaams.
I.uc. I. 43.
1. Vergezel Maria over het gebergte.
$QftM de H. Maagd, op ingeving des
JjjgJ! H. Geestes over het gebergte van
Nazareth naar Hebron reizen, 0111 hare
-ocr page 252-
246 Maria als Rozenkranskoningin
nicht Elisabeth geluk te wenschen met
de gezegende vrucht haars lichaams en
om haar met liefdediensten bij te staan.
Begeleid die hemelsche duif, die daar
met den maagdelijken Joseph, in gezel-
schap van vele Engelen heensnelt, glan-
zend van goddelijke liefde! Zij, de ge-
zegende onder de vrouwen ijlt daar henen
gelijk eene tortelduive, om de H. Elisa-
beth en geheel haar huis gelukkig te
maken. Bewonder die h. gevangenschap
van het goddelijk Kindje onder het
maagdelijk Hart van Maria en hoor de
Engelscharen met Maria in heilige be-
geestering, lof en dankliederen aanheffen.
Opwekking.
<^|nder de h. mis en dij de h. com-
J^&S munie. O Hemelsche Vader, zie,
ik toon U, uwen Zoon en zijne reine
Moeder. In den geest hare voetstappen
volgend, offer ik U iedere schrede en
eiken voetstap, iedere inwendige en uit-
wendige handeling der Hooggezegende
en vereenig ik mijne zuchten met die
der zuivere Maagd en van het godde-
lijk Kind.
-ocr page 253-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 247
Ik draag U op, o Hemelsche Vader
de liefde uws Zoons, zijne diepe nede-
righeid en heilige gevangenschap. Ik leg
neder voor den troon uwer glorie, de
loftuigingen der Seraphijnen en Cheru-
bijnen, hunne bewondering, aanbidding
en dankbaarheid voor de volbrachte
Menschwording en hunne gebeden voor
\'t welzijn der menschen. In den geest
kus ik eiken voetstap der Maagd en
verzamel elke oefening van gebed,
aanbidding en dankzegging, aan Jezus,
Maria\'s en Joseph\'s Hart ontsproten.
Al die vereenigde gewaarwordingen en
gevoelens leg ik neder voor uw troon
opdat Gij, o gunstige Vader in deze
bedrukte tijden, aan kerk en staat, be-
scherming en hulp moget verkenen. O
goede Herder, liefdevolle Jezus, zoek
toch zoovele afgedwaalde schapen op,
ontruk ze den verscheurenden wolf en
breng ze terug in den eenen waren
schaapstal.
2. Loof God met Maria.
tfPjFoe heilig was die ontmoeting van
SjJHIÜ Maria met Elisabeth ! van ijdele
-ocr page 254-
248 Maria als Rozenkranskoningin
zaken was er tusschen Hen geen sprake,
elk woord uit haren mond was eene
lofprijzing des Allerhoogsten. Door den
H. Geest voorgelicht, begroet Elisabeth
Maria het eerst: iGij zijt de gezegende
onder de vrouwen en gezegend is de
vrucht mes lichaams. En va» waar ge-
schiede mij dit, dat de Moeder mijns
Heeren tol mij komtr"
Zalig zijt Gij,
die geloofd hebl. En op \'t zelfde oogen-
blik werd in \'s moeders schoot, de kleine
Joannes door \'t Kindje Jezus van de
erfzonde gezuiverd en als zijn voorloo-
per geheiligd.
In heilige vriendschap en reine liefde
vereenigden zich nu beide harten en in
hemelsche begeestering zong Maria het
heerlijk schoon * Magnificat."
Mijne ziel make groot den Heere
en verheugd heeft zich mijn geest in
God, mijnen Zaligmaker.
Omdat Hij nederzag op de geringheid
zijner dienstmaagd; want zie, van nu af
zullen alle geslachten Mij zalig prijzen.
Dewijl groote dingen aan Mij gedaan
heeft, Hij die machtig is, en heilig is
zijn naam!
En zijne barmhartigheid is van ge-
-ocr page 255-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 249
slachte tot geslachte, over degenen, die
Hem vreezen.
Hij heeft kracht gedaan door zijn arm;
verstrooid heeft Hij die hoogmoedig
zijn in den waan huns harten.
Machtigen heeft Hij van den troon
gestort, en geringen verheven.
Hongerigen heeft Hij met goederen
vervuld, en rijken ledig weggezonden.
Hij heeft Israël, zijnen dienstknecht,
aangenomen, indachtig zijner barmhar-
tigheid:
Gelijk Hij aan onze vaderen heeft
toegezegd, aan Abraham en aan zijn
kroost in eeuwigheid.
Opwekking.
*5^Vjnder de h. mis. Hemelsche Vader
3$ëi z>e welgevallig neder op deze H.
Harten, die geheel vervuld van liefde,
U den wierook van een heilig lof- en
dankgebed opdragen, welke in heerlijke
geuren doordringt tot uw Vaderhart. Al
hunne neigingen, gebeden en dankzeg-
gingen draag ik U op, als losprijs voor
mijne zondenschuld; voor de verstokte
zondaars, voor de onboetvaardige en
-ocr page 256-
250 Maria als Rozenkranskoningin
onverschillige christenen, voor alle men-
schen van eiken rang en stand; ootmoe-
dig bid en smeek ik U, ons de genade
en den geest des gebeds te schenken,
opdat wij uwe rechtvaardige straffen van
ons afwenden en ware kinderen Gods
mogen worden.
3. Dien met Maria uwen en -naaste.
Cfiptredei) mij thans met Maria het zóó
Cfij^ bevoorrechte huis van Elisabeth
binnen. O staat verbaasd Gij, Hemelen
en gij Godminnende ziel, komt en zie
hoe de nooit volprezen Moeder des
Heeren, als eene nederige dienstmaagd,
hare nicht hulp en bijstand aanbiedt.
In hare groote nederigheid zoekt Zij
juist die bezigheden, welke waardeloos
schijnen in de oogen der menschen;
alles wat zij doet ademt den geur der
zuiverste liefde tot God en de menschen.
In voortdurende aanbidding en vereeni-
ging met God, Dien zij in \'t geheim der
Menschwording aanschouwt, schittert
een hemelsche vreugde op haar gelaat.
Een hemelsche glimlach zweeft om hare
rozenroode lippen, terwijl haar geest on-
-ocr page 257-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 25!
ophoudelijk verslonden is in God, wiens
Eenigen Zoon zij onder haar Hart draagt.
Zij is alles voor allen en haar aanblik
alléén vertroost het kommervolste hart.
Vol teederheid en liefde in haar onver-
stoorden vrede, in haar geduld en en-
gelachtige ingetogenheid, schittert in
Haar het evenbeeld van den eeuwig
schoonen God, het Meesterstuk der
schepping dat de slang niet durfde be-
lagen.
Opwekkingen.
féStè Maria, Gij schoonste der maagden,
j^gü blik medelijdend op mij neer, want
zie, het kleed mijner onschuld is bezoe-
deld; menigvuldig zijn mijne gebreken,
groot is mijne ellende, en mijn zwakke
wil is steeds tot het kwaad geneigd.
O hoog verhevene Koningin der maag-
den bescherm mij, neem mij onder uwe
moederlijke hoede en verrijk mij met
het sieraad uwer deugden.
O Hemelsche Vader, ik draag U op
alle akten van deugden van Maria, bij-
zonder al hare werken van volmaakte
naastenliefde en zielenijver, voor mijne
-ocr page 258-
252 Maria als Rozenkranshoningin
nalatigheid en lauwheid. Ik bid en smeek
U om zegen en genade voor alle fami-
liën, vooral voor hen, die zich in mijne
gebeden hebben aanbevolen; dat Jezus
en Maria steeds in hun midden zijn en
verblijven en hen troosten door de kracht
van onzen H. Godsdienst, in al hunne
wederwaardigheden.
O mijn Jezus, heb medelijden met
ons, en laat niet toe, dat eene door uw
go.ldelijk Bloed verloste ziel,verloren gaat.
*\'ï%Êi0>
-ocr page 259-
De 15 Gch. v. d. H. Rozenkrans. 253
III, ]3ien pij, o $aag&, U JBeihlefai
ge&aapb hél
Gij zult een kindeken vinden in
doeken gewonden.
L.UC. II. 12.
1. Ga met Maria en Joseph naar
Bethlehem.
£
5£,ie, hoe Maria, nederig en gehoor-
zaam het bevel van den ijdelen
-ocr page 260-
254 Maria als Rozcnkranskoningin
Keizer Augustus vervult en, in een guur
jaargetijde, met den H. Joseph, haar
arme woning van Nazareth verlaat, om
vaardig en gelaten aan Gods roepstem
te gehoorzamen, welke Zij in \'t bevel
van den aardschen vorst erkende. Volg
Maria en Joseph op dien tocht naar
Bethlehem, verzamel al die verzuchtingen,
die aanbiddingen, dankzeggingen, smeek-
gebeden en opofferingen; al die akten
van deugden, die vermoeienissen, moei-
lijkheden en harde behandelingen, welke
zij te verduren hadden, toen zij zoo
menigmaal werden afgewezen, en zonder
voedsel en huisvesting steeds aan andere
deuren moesten aankloppen; al die aan-
biddingen der Engelenscharen, die het
vleeschgeworden Woord onder Maria\'s
Hart voortdurend aanbidden en den
eeuwigen God dankten, voor die onbe-
grijpelijke genade der verlossing. Offer
dit alles op, voor de vele noodwendig-
heden onzer H. Kerk.
2. \'Zoek ééne verblijfplaats voor Maria
en het Goddelijk Kindje.
ffjpreden wij thans de stad Bethlehem
tfjK binnen; de avond is reeds gevallen
-ocr page 261-
De 15 Gch. v. d. H. Rozenkrans. 255
en alle huizen en herbergen met vreem-
delingen bevolkt. De H. Joseph met
zijne maagdelijke echtgenoote klopt over-
al aan, doch geen menschenhart is me-
delijdend genoeg, Hen ook maar \'t ge-
ringste plekje af te staan. Betracht hier
het geduld van den zoo bezorgden Joseph
en hoe gelaten Maria tot hem spreekt:
» Vertrouw slechts op den Heer." Het
Kindje Jezus echter, brandend van liefde
tot dè menschen, moet hier door hun-
ne onverschilligheid de grootste koude
lijden, den zwarsten ondank ondervinden.
Opwekking.
*Vi\\?NDER de h. mis. Hemelsche Vader
]$g| ik offer U het hart van Jezus van
Maria en Jozef, gedurende deze harde
beproevingen; Hun geduld en gelaten-
heid in alle omstandigheden en smeek
U: Heer ontferm U over alle verlaten
weduwen en weezen die niemand dan
U, tot steun en bescherming bezitten.
Help hen in allen nood en lijden naarziel
en lichaam, Gij, Die zelfs de vogels
des hemels, de musch op het dak niet
vergeet.
-ocr page 262-
256 Maria als Rozenkranskoningin
3. Eer e zij God in den Hooge!
j^T^indelijk vinden zij de plaats van
yfSi
eeuwigheid bestemd, \'t Is een open
stal, blootgesteld aan al de guurheden
van het weder. Maria, op bovennatuur-
lijke wijze verlicht, beschouwt ze als
de plaats waar de eeniggeboren Zoon
des Vaders ter wereld moet komen. Zij
werpt zich ter aarde neder en dankt
vurig den Heer, terwijl de H. Joseph
den verlaten stal zooveel mogelijk tot
eene woning zoekt te bereiden.
Opivekking.
/.•T^Temelsche Vader, om de groote
ÏJ^L\' liefde uws Zoons tot de armoede,
bid ik U, aan alle kloosterlingen den
waren geest der h. armoede te verke-
nen. Ik offer U den geur aller deugden
uit Jezus en Maria\'s Hart tegelijk met
de zorgvuldigheid, eenvoudigheid en
liefde van den H. Joseph.
Het plechtig oogenblik naderde thans
waarop de Heiland des wereld zou ge-
boren worden. Gelijk de lijfwacht een
koninklijk paleis, zoo omgaven \'s Hemels
-ocr page 263-
De 15 Gch. v. d. H. Rozenkrans. 257
Engelen den armoedigen stal. Maria
legt haren mantel af, neemt den sluier
van het hoofd, en heure schoone haren,
hangen rijk golvend neer langs de
schouderen. Hierop nam zij twee sneeuw-
witte doeken om er het goddelijk Kind
in te wikkelen en twee kleinere om
zijn Hoofdje te beschutten. Toen kniel-
de de reine Maagd eerbiedig neder,
vouwde de handen, verhief haar geest
en hart ten Hemel en bleef zoo in
gebed en beschouwing tot middernacht.
Geheel aan de wereld onttrokken werd
zij van hemelsche zoetigheid vervuld;
Zij aanschouwde de eeuwige Godheid
en heerlijkheid van Hem, Die in dezen
oogenblik uit Haar ging geboren worden.
De overzalige stonde, het uur der
middernacht breekt aan; Maria, de
Moeder Gods, werd een weinig boven
den grond verheven, een hemelsch licht
herschept den nacht in een helderen
dag; de akelige s\'pelonk wordt vervuld
met een bovennatuurlijken glans. Gelijk
de geur uit de roze, zoo ontspruit uit
den maagdelijken, ongeschonden schoot
het goddelijk Kind en lag daar rein en
\'7
-ocr page 264-
258 Maria als Rozcnkranskoningin
schoon, stralend, glorievol voor hare
knieën op aarde neder.
Het was der H. Maagd als of haar
Hart van hemelsche gelukzaligheid dreig-
de te breken. De gelukkige Moeder aan-
bad nu haar Kind als den Zoon van
den levenden God. Ook de H. Joseph
valt aanbiddend neder; hem werd ge-
geven, wat velen koningen en profeten
niet was toegestaan, n.1. den Zoon Gods
niet slechts in lichamelijke gestalte te
aanschouwen, maar te dragen op zijne
armen, te omhelzen, te kleeden te voeden,
en te bedienen.
De Cherubijnen en Seraphijnen waren
verbaasd over Gods grenzelooze liefde.
De Tronen en Vorsten der Engelen
vielen aanbiddend op hun aanschijn; en
het gansche koor der hemelingen hief
dankend en jubelend het loflied aan:
Eere zij Gode in het allerhoogste en
vrede op aarde den menschen van goe-
den wille.
Opwekking.
j£p5j,ij de h. communie. O H. Maagd,
>MJ> veroorloof mij tot uw aanvallig
-ocr page 265-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 259
Jezuskind te naderen, Het te omhelzen,
aan mijn hart te drukken en zijn
zegen te vragen. Sta mij toe, o, maag-
delijke Moeder Gods in de nabijheid
van \'t Kindje te verblijven. O maak ook
mijn arm hart tot eene rustplaats voor
dat kind der liefde; geef mij die H. win-
delen en uwen moedermantel om Het
te verwarmen met den serafsgloed van
heilige godsvrucht en liefde, van engel-
achtige reinheid, en levendig geloof.
Geleid uwen lieven Jezus na de H. Com-
munie in mijn arm, zwak hart, dat zoo
dringend om genade en ontferming
smeekt; laat Hem vertoeven in deze
armoedige woning en wijd Hem den
wierooksgeur van de volmaakste deug-
den Uws Harten en van alle heilige en
vrome zielen in den Hemel en op aarde.
»9^|nder de h. mis. Hemelsche Vader,
j^gl mijn hart is zoo zwak en kan de
liefde niet begrijpen, de hoogte niet
bereiken, de diepte niet peilen, de lengte
en breedte niet meten van dit ondoor-
grondelijk geheim. Welke aandoeningen
maken zich van mij meester bij den
aanblik van dat zoo teeder, liefdevol
-ocr page 266-
2<5o Maria als Rozenkranskoningin
Jezuskind! Ja mijn hart smelt in tra-
nen der innigste ontroering, der harte-
lijkste dankbaarheid. Mijn geloof valt
aanbiddend en vertrouwend neder, te
midden der koren van heilige Engelen,
der reinste en heiligste zielen van Jezus,
Maria en Joseph. Dewijl ik arm, zwak
kind, te arm aan liefde ben, daarom
ontleen ik ze aan de van \'t zuiverste
goud stralende Harten, die in zuiver-
heid en liefde wegsmeltend, slechts dank
met liefde en aanbidding vereenigen.
Daarom offer ik U, o Vader, het Hart
van Jezus en Maria, als het volmaakste
offer van hulde, dankbaarheid en ver-
zoening. Ik offer U, het hart van den
H. Aartsvader Joseph. de aanbidding
der vrome herders en aller rechtvaar-
dige zielen, welke van den beginne af
vol liefde tot uwe kribbe naderden.
Neem dit volmaakt offer aan, o He-
melsche Vader, tot uitboeting der zon-
denschuld onzer goddelooze dagen. Zie
neder op de bedruktheid der H. Kerk
en het ontelbaar getal der verblinden,
die zich in het eeuwig verderf storten.
O Drieëenige God, in naam uwer
barmhartigheid en liefde, smeek ik U,
-ocr page 267-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 261
zie genadig neer op het Goddelijk
Kindje, dat daar nederligt in arme winde-
len, in eene kribbe; hoor zijne weemoe-
dige verzuchingen, zie de tranen, die
Het stort tot ons aller zielenheil; aller-
aangenaamst en welgevalligst zijn U,
zijne nederigheid, armoede, gehoorzaam-
heid en kwellingen welke Het, ons ter
liefde, op zich heeft genomen. Ontferm
U toch onzer, opdat ook wij, ware
kinderen en dienaars van het arme
nederige JezusKind worden en steeds
zijne voetstappen mogen volgen. Amen.
-ocr page 268-
2Ó2 .Maria als Rozenkranskoningin
IV. JDifti Gij, o $a«g&, in bfn Tcinjjfl hebt
Neetn Isaak, uwen eenigen zomi,\' dien gij
teeder bemint en breng hem Mij ten offer!
(Ten. 22. 2.
0^i?r «a« GW, met Maria het
dierbaarste wal gij bezit.
«ig\'venals van Abraham, vorderde God
>E| ook van Maria het dierbaarste wat
-ocr page 269-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 263
zij op aarde bezat, het offer van haar
eenigen Zoon. Onbloedig zou het offer
van \'t Jezus kind zijn in den tempel,
evenals dat van Isaak op Moria\'s kruin;
33 jaren later zou aan het kruis het
offer van Jezus Christus, op bloedige
wijze voor alle zondaars voltrokken wor-
den. Dit openbaarde de H. Geest, door
den mond van den grijzen Simeon: »U
zelve zal een zwaard door de ziele gaan,
want Deze is gesteld tot val, en tot
opstandig voor velen in Israël!"
In dit oogenblik van bovennatuurlijke
openbaring doorschouwt Maria alle
tijden. Zij ziet hoe voor velen elke ge-
nade vruchteloos zal wezen; hoe een
groot deel der verlosten ten verderve
gaan, omdat zij niet gered willen wor-
den, maar vrijwillig de verblindheid en
boosheid beminnen, aan een oogenblik
van genot de voorkeur geven boven
God en Hemel, en daarom dan ook
eeuwig in \'t vuur der hel moeten lijden.
O, dit was het, wat haar moederhart
als met een zwaard doorboorde. Zij zag
de vernedering, den spot, het gruwelijk
lijden haren Zoon aangedaan, hoe Hij
tot den laatsten druppel van zijn kost-
-ocr page 270-
264 Maria als Rozcnkranskoningin
baar bloed vergoot voor alle zielen en
voor elke ziel in \'t bijzonder, om allen
te redden en zalig te maken.
In de gevoelens van Jezus\' goddelijk
Hart offert nu Maria baar geliefd Kind,
aan den Hemelschen Vader.
Opwekking onder de H. Mis.
AjTNFeinelsche Vader, zie van uit de
*iKL Hemelen uwen Eeniggeborene
als onzen Bemiddelaar, 0111 U te ver-
zoenen, ons te begenadigen. Zie, hoe dat
teeder liefdevol Jezus kindje, dat zacht-
moedig, onbevlekte en goddelijk Lam,
tot den dood bereid, tot U, o Vader,
smeekt om barmhartigheid.
Met dit hoogheilig offer leg ik ne-
der voor uwen troon het bloedig offer
des kruises en alle H. Missen van
\'t verledene, van \'t tegenwoordige en
der toekomst. Ik offer U, o Hemelsche
Vader uwen geliefden Zoon, in \'t geheim
der opoffering in den tempel met alle
volmaakte offers van Maria, van alle
heilige en rechtvaardige zielen, voor alle
lijdende, gekwelde en stervende Chris-
tenen, voor allen die in gevaar verkee-
ren en hun ondergang nabij zijn, voor
-ocr page 271-
De 15 Geh. v. cl. H. Rozenkrans. 265
de geheele H.Kerk, voor ons dierbaar Va-
derland, voor alle standen, voor alle zielen
des vagevuurs. ü God van liefde, versterk
mijn arm hart tot elk offer dat uwe liefde
van mij eischt, opdat ook ik U schenke
wat mij het dierbaarst is; sterk mijne
ziel in elke beproeving en vernedering,
in alle lijden en smart, opdat ik U ter
liefde getrouw en gelaten volharde in
een heilig gebed en zoo vereenigd niet
de volmaakste offers van Jezus en Maria,
in de heilige liefde Gods mijn leven
moge voleindigen. Amen.
O H. Maagd ik heb medelijden met
U, o smartvolle Moeder; verwerf mij,
van God, ter wille uwer smarten de
genade, Hem nimmermeer vrijwillig door
eene doodzonde te vergrammen; ver-
krijg mij het voorrecht eens, met
een volmaakt berouw en geheele over-
geving aan Gods H.Wil,met deze woorden
te sterven: «Heer, laat thans uw die-
naar (uwe dienares) in vrede sterven.
Dat mijne ziel in U, geen rechter maar
een zaligmaker moge vinden. Laat Gods
barmhartigheid over mij afdalen en ge-
leid mij aan uwe moederhand, naar een
beter Vaderland."
-ocr page 272-
266 Maria als Rozenkranskoningin
V. Pifn pij, o föaagïi, in iirn Tenipil hjbl
Wist gij tian niet dut ik zijn moest
in hetgeen •mijns Vaders is.
Luc. 2. 49.
1. Begeef U met Jczu^ Maria en
Josepli ter kerke.
?5jF?oen Jezus twaalf jaren oud was, reis-
k/JK den Maria en Joseph volgens de
-ocr page 273-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 267
gewoonte der Joden naar Jerusalem om
aldaar het paaschfeest te vieren en na-
men den Heer mede. Godminnende
ziel, beschouw den bevalligen en liefe-
lijken Jezus; zijne hemelscheschoonheid
zal U aantrekken en gij zult Hem volgen.
Offer aan den Hemelschen Vader de
gevoelens der H. Familie, bid Hem ze
aan te nemen als van U komend zoo
dikwijls gij ter kerke gaat. T,eg neder
voor den troon der Allerheiligste Drie-
vuldigheid die drie volmaakte Harten
van Jezus, Maria en Joseph, met al de
aanbiddingen de iof- prijs- dank- en
verzoeningsgebeden, welke zij in den
tempel gedurende drie dagen verrichtten.
2. Zoek Jezus met Maria en Joseph.
&§E)jte feestdagen waren ten einde, en
*JHe toen Maria en Joseph huiswaarts
wilden keeren, bemerkten zij dat Jezus
niet bij hen was.
In den beginne dachten zij dat Hij
met de overige bloedverwanten was af-
gereisd en vervolgden daarom den eer-
sten dag hunne reis. Toen zij Hem
echter bij hen niet terugzagen, keerden
-ocr page 274-
268 Maria als Rozenkranskoningin
zij met een angstvol hart naar Jerusa-
lem weder.
Ach wie zal in staat zijn den angst
van Maria, de zorg van den H. Joseph
te begrijpen. Gelijk de bruid uit het
Hooglied, zocht Maria, de liefdevolle
Moeder overal haar Kind, een ieder dien
zij ontmoette vroeg zij om inlichting,
of hij haren Welbeminde niet gezien
had. Met a.gst verdubbelde zij hare
schreden om Jezus te zoeken, haar eeni-
gen troost en geluk op aarde. Hoor,
van den H. Ifcmaventura welke bittere
weeklachten zij uit: ü mijn God, eeu-
wige Vader, allergenadigste, allerbeste
Heer, Gij hebt U gewaardigd Mij uw
Zoon te schenken; doch zie ik heb Hem
verloren en weet niet waar Hij is.
O geef Hem mij weder! Neem deze
bittere smart van mij weg, toon Mij,
Uw Zoon. Zie neder op mijne
groote droefheid en niet op mijne na-
latigheid. Ik was onvoorzichtig, \'t is
waar, maar niet vrijwillig. Ter wille
uwer goedheid geef Hem Mij terug,
zonder Kem kan ik niet leven.
»0 Mijn geliefde Zoon! waar zijt Gij,
wat is er van U geworden; zijt Gij
-ocr page 275-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 269
misschien teruggekeerd tot uw hemel-
schen Vader, want ik weet, gij zijt God
en Gods Zoon. Doch hoe, gij zoudt
Mij dit niet hebben medegedeeld? Of
heeft U wellicht iemand op arglistige
wijze opgevangen, want Gij zijt ook
wezenlijk mensch. Toen Herodes U ver-
volgde, heb Ik U naar Egypte gedra-
gen. Dat uw Vader, U, mijn Zoon be-
ware voor alle ramp en leed. O mijn
Zoon laat Mij weten waar Gij U be-
vindt en ik zal tot U snellen. Heb ik
U dan soms in iets beleedigd? Ach
waarom hebt Gij U dan van Mij ge-
scheiden. Ik weet Gij ziet de smart, van
mijn Moederhart, o talm niet langer
tot Mij terug te keeren! Nooit van af
uwe geboorte was ik zonder U; heb ik
zonder U gegeten of mij ter ruste gelegd;
en thans ben ik van U beroofd, bezit
ik U niet meer, U mijn leven, mijne
hoop, al mijn goed, zonder U kan ik
niet leven, o Jezus kom, toon mij uw
minnelijk aanschijn."
Na drie dagen vond Maria Jezus in
den tempel, zittende midden onder de
leeraren die Hij ondervroeg en aanhoorde.
Zie, o Godminnende ziel, waar gij uw
-ocr page 276-
270 Maria als Rozcnkranskoningin
Jezus moet zoeken, als gij Hem verlo-
ren hebt; niet bij vrienden en bekenden
maar in den tempel, in het huis des
Heeren zult gij Hem, evenals Maria
vinden in het H. Sacrament van boet-
vaardigheid en des altaars. O indien
gij Hem wedergevonden hebt, laat Hem
dan nooit meer heengaan. Houd den
Geliefde bij U, door uwe getrouwheid,
waakzaamheid en uw gebed.
Opiuckking tot Jezus in \'t Allerhei-
ligste Sacrament.
\'fÉSL veelgeliefde mijns harten! Zonder
]|g| U is alles eenzaam, en ledig; zonder
U geen troost, geen rust, geen zaligheid.
Blijf bij mij, o zoetste Jezus! Waar
Gij niet zijt daar is geen licht maar
duisternis in \'vijands macht. Wan-
neer Gij TJ van mij verwijdert kan
ik niet meer leven; ach dikwijls ver-
bergt Gij U in een geheimvol duister,
ten tijde van beproeving o liefdevolle
Heer. Jezus! laat mij U vinden, toon
mij uw aangezicht en de liefelijkheid
uws Harten. Het loont zeker alle moeite,
-ocr page 277-
De 15 Gch. v. d. H. Rozenkrans. 271
allen strijd en alle lijden, U te behou-
den, totdat ik eens daar boven in den
Hemel U moge aanschouwen van aan-
schijn tot aanschijn in eeuwigheid, zon-
der einde.
-ocr page 278-
De ch\'oevige G}el|ein]ei\\.
I. JDie ooor ons blotti gejrowl jjreff.
Vadert mi/H Vader!
Matth. 26. 39.
Verdiep u in \'t goddelijk Hart
op den Olijfberg!
qüBliegcleid uwen goddelijker] Heiland
ypj; naar den Olijfberg, kus in den
geest zijne voetstappen en offer ze den
-ocr page 279-
Uc 15 Gch. v. d. H. Rozenkrans. 273
hemelschen Vader als de eerstelingen
der Verlossing in dien naderenden vree-
selijken nacht, om de zondaars te zoe-
ken op den weg des verderfs. Dring
door mijne ziel, in \'t Hart van den U
minnenden en lijdenden Verlosser, zijne
ziel is beangst en bedroefd, ja bedroefd
tot den dood; Hij wringt zijne handen,
siddert en beeft; Hij bidt en valt ter
aarde neder. Alle schrikbeelden dagen
voor zijn geest op; Hij doorschouwt alle
tijden, alle gebeurtenissen, alle geslachten
en alle menschen; Hij ziet met den blik
zijner heilige alwetendheid den gruwel
der zonden, de verwoesting van zijn
wijnberg, de vervolgingen zijner H. Kerk,
de verdeeldheden en scheuringen, de
sekten en ketterijen. Aan zijn geest
vertoonen zich alle misdaden, alle sa-
crilegien, en de boosheden der menschen.
Elke ziel, ook de mijne komt voor zijn
aanschijn. Hij ziet hoe voor velen zijn
verlossingswerk vruchteloos is: hoe sa-
tan die zielen, waarvoor Hij zijn kost-
baar bloed vergiet, aan zijn minnend
Hart ontrukt, ze door de zonden doodt
en ten eeuwigen verderve voert.
De Heiland der wereld valt machte-
18
-ocr page 280-
274 Maria als Rozenkranskoningin
loos neder, de doodskleur overdekt
zijn goddelijk aanschijn, een bloedig
zweet dringt door al zijne aderen en
plat ter aarde nederliggend bidt Hij:
» Vader niet mijn wi/, maar de ttwe ge-
schiede!"
Die doodstrijd om onze zon-
den, duurt uren lang. Zijn medelijdend
Hart aanvaardt alle lijden uit liefde
tot den gevallen mensch. Een Engel
des Hemels daalt neder om den dood-
zwakken en benauwden Heiland te
versterken.
O Godminnende ziel, overweeg het
vreeselijk lijden, van het geheel in doods-
angst lijdend Hart uws Verlosers, in
den Olijfhof.
Opwekking.
>!yiS|NDER de h. mis: O Hemelsche Va-
j^J der blik neder op dat treurtafereel.
Zie uw zoon biedt zich aan als Midde-
laar en slachtoffer! geef gehoor aan de
liefdevolle beden en verzuchtingen van
zijn minnend Hart. O aanschouw dat
vreeselijk lijden, dien angstvollen dood-
strijd, dat bloedig zweet dat uit al
zijne aderen in zware druppels neder-
-ocr page 281-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 375
valt, al die bittere tranen, door Jezus
in den olijfhof geweend, offer ik U op
voor alle zondaars, voor alle sterven-
den, voor geheel de katholieke Kerk,
voor alle priesters en kloosterlin-
gen, voor vorsten en regeerders, voor
alle standen der maatschappij en bij-
zonder voor onzen H. Vader Leo XIII,
om hulp en bijstand in deze zorgvolle
tijden van U te erlangen.
Hemelsche Vader! Zie het lijden van
uw Zoon, hoor zijn smeeken, laat
toch geene door Hem verloste ziel,
verloren gaan. Ontferm U onzer, ter
wille van Jezus\' bloed en tranen. Zijn
lijden, zijne angsten, al de gewaarwor-
dingen van smart en liefde, iedere adem-
tocht, iedere zucht, elk smeekgebed van
zijn liefdevol Hart, draag ik U op voor
\'t heil der zielen; geef, dat alle kette-
rijen en scheuringen in de H. Kerk uit-
geroeid, de vrede en de eendracht onder
de vorsten hersteld mogen worden.
O allerheiligst, allerbedrukst Hart van
Jezus, ontferm U onzer in deze droevige
tijden dat geloof en deugd wederom
vervolgd worden; sterk alle vrome strij-
ders in \'t geloof; schenk hun kracht en
-ocr page 282-
276 Maria als Rozenkranskoningin
moed door de verdiensten van uw in
den Olijfhof vergoten kostbaar bloed.
Ik smeek U om deze genade, ter wille
uwer maagdelijke Moeder, die met U
op \'t innigst vereenigd, al de bitterheden
uws lijdens heeft gevoeld, en voor ons
zondaars heeft opgeofferd. Alle lijden
en smart, door Jezus en Maria in den
Olijf hof doorstaan, draag ik U op, met
alle H. Misoffers, H. Communiën en
goede werken zoo dikwijls als er oogen-
blikken zijn in tijd en eeuwigheid.
Ik beschouw Ü, o Jezus, met bloedig
zweet overdekt, in grooten angst tot uw
Vader biddend: Lieve Vader* mijn Va-
der! neem dezen lijdenskelk van Mij
weg* doch niet Mijn wil maar de Uwe
geschiede.
In de volste overgeving aan God
neemt Gij ons ter liefde, het zwaarste
en bitterste uit de hand uws hemelschen
Vaders aan; o leer ook mij zóó bidden,
zóó verdragen, zóó offeren! Ook ik leg
dan weder in Uw geduldig Hart, o Je-
zus al mijn lijden, mijne bitterheden en
angsten, met den laatsten angst van
mijn doodstrijd, en bid U, door uw
bloedig zweet, door uwe bittere tranen
-ocr page 283-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 277
en uw zoo heilig gebed, o bezegel mijn
sterfuur met de gevoelens van volmaakte
liefde, overgeving en berouw over al
mijne zonden. Amen.
*$$$*
-ocr page 284-
278 Maria als Rozcnkranskoningin
IL J)ie dooi1 ons gtgttfffli is gFiunrben.
Ter willé onzer ongerechtigheden
is Hij geslagen geworden.
Ps. 53- 5.
1. Beschouw het schulddooze Lam
aan de gecselkolom.
;>p)ilatus vindt geen schuld in Jezus
n$Ê$- en tocrl veroordeelt hij Hem om
gegeeseld te worden. Zie met welk eene
-ocr page 285-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 279
woede die onmenschen den armen Jezus
voortsleuren naar de geeselkolom, waar-
aan reeds zoo menige schuldige zijne
welverdiende straf onderging. Weemoe-
dig en liefdevol werpt de goddelijke
Heiland een blik op die bloeddorstige
beulsknechten; sidderend en bevend wil
Hij zelf zich ontdoen van zijne kleede-
ren, maar als woedende wolven vallen
zij Hem te lijf en rukken met geweld
de kleederen van zijn maagdelijk lichaam
en stellen Hem zóó den volke ten toon.
O, wie zal ons zeggen wat er toen om-
ging in Jezus\' Hart ? Hoe vreeselijk lijdt
Hij hier voor de zonde van ontucht en
onzuiverheid. Met welke innige deelne-
ming treurt het reinste, het zuiverste
Hart van Maria. Daar staat Jezus als
een slachtoffer voor de zondige wereld,
als het volmaaktste zoenoffer tegenover
de beleedigde goddelijke gerechtigheid.
Nu beginnen de beulen hun gruwzaam
werk; met dikke koorden binden zij het
onschuldig Lam aan de kolom zóó vast,
dat zijn bloed in de aderen opzwelt.
Kom, o zondaar, en betracht hoe het
H. Lichaam van Jezus, zoo teeder en
gevoelig voor elke smart, vast gekneld
-ocr page 286-
280 Maria als Rozenkranskoningin
hangt aan de geeselkolom, om alle straf-
fen en kastijdingen der zonden op zich
te nemen. Zie, hoe de eersten dier ruwe
soldaten met scherpe roeden het arme
Lam aanvallen en niet helsche woede
door aanhoudende geeselslagen kastijden.
Hoor, o zondaar, hoe en hoe dikwerf
de geeselriemen door de lucht suizen.
Beschouw hoe Jezus voor u lijdt en
boet; welk beklagenswaardig schouwspel!
Het geheele lichaam des Heeren, zoo
teeder blank en fijn is nu blauw van
de slagen en doorkruist met roode strie-
men. Een zachte en zoete weeklacht
ontsnapt aan zijn goddelijk Hart, dat
biddend, minnend en opofferend zich ten
hemel verheft.
Ü zondaar, aanschouw hoe de beuls-
knechten met krachtige armen op den
Heer toeslaan, totdat zij vermoeid en
uitgeput door anderen worden vervan-
gen ! O wat gebeurt nu ? Bloedrood en
met donkerroode striemen overdekt,
hangt Jezus neder aan de geeselkolom
en siddert voor nieuwe slagen.
Twee andere beulen treden voor. Deze
hebben loodkogeltjes aan de riemen
vastgeknoopt. Met nog meer woede dan
-ocr page 287-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 281
de eersten en half dronken vallen zij
onstuimig op den reeds doorwonden
Heiland; de eene slag valt na den an-
deren. Jezus schijnt slechts bloed en
wonde, van het hoofd tot de voeten.
Hunne dierlijke handen zijn besprenkeld
met het bloed van den God-Mensch, het
goddelijk bloed stroomt over de aarde.
Kom, o zondaar, en beschouw uw Za-
ligmaker: van \'t hoofd tot de voeten is
Hij slechts ééne wonde, ééne smart.
Tel, indien gij kunt, die slagen en zijt
gij daartoe niet in staat omdat ook uwe
zonden talloos zijn, zoo prent dan het
beeld uws gegeeselden Zaligmakers diep
in uwe ziel en berouw en leedwezen
zullen uw hart vervullen. Doch Jezus\'
foltering is nog niet ten einde. Zie, een
derde paar beulen, wreeder en on-
menschelijker nog dan de vorigen treedt
nader. Met geesels, aan wier uiteinde
ijzeren haken bevestigd zijn, overvallen
deze bloeddorstigen den reeds zoo deer-
lijk verslagen en ontvleeschten Heiland.
Een hagelregen van slagen valt met
onuitsprekelijke wreedheid op Jezus neer.
O zondaar treed ook gij nader, en be-
tracht uw Verlosser. Van bloed en won-
-ocr page 288-
282 Maria als Rozenkranskoningin
den geheel overdekt, siddert en beeft
Hij in al zijne ledematen en een zacht
gekerm volgt op het geluid der geesel-
slagen. Ü liefde van mijn God, welk
een schouwspel! Verslagen, vernietigd,
doorboord,stukken vleesch van \'t lichaam
gerukt, zoodat men zijne beenderen kan
tellen; ach welk eene smart, van den
voetzool tot den schedel slechts ééne,
eéne vreeselijke wonde!
O Moeder van Jezus, wat moet toch
uw Hart in de nabijheid van uw god-
delijk Kind gevoeld en geleden hebben?
O broeders overweegt het lijden van
Jezus en Maria! Hoe nauw en innig
zijn die heiligste Harten verbonden. En
hoe inniger en volmaakter deze ver-
eeniging is, des te meer voelen beide
Harten dezelfde smart.
Opwekking.
<yf5j?NDER de h. mis. Hemelsche Vader
j^g thans kan ik U voldoening geven;
nu draag ik het losgeld in mijne handen
want zie, ik val neder op de aarde, door
het Bloed van uwen Zoon geverfd.
O Vader blik neder op uw Zoon, mijn
-ocr page 289-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 283
Broeder en Bemiddelaar! Ieder druppel
van zijn kostbaar Bloed offer ik U,
duizende malen als smeek- en zoen-
offer op. Ik toon U al zijne wonden, al
zijne smarten, en draag U op tot uw
hoogste welgevallen elke zucht, elke bede,
al den smaad en de oneer door Hem
geleden. Ik offer U, door Maria\'s
H. Hart al hare gewaarwordingen, welke
zij ondervonden heeft, op het oogenblik
dat zij als de Moeder van smarten daar
stond in de nabijheid der geeselkolom.
Ik offer U door het Hart van Jezus en
Maria alle gebeden en verdiensten op,
welke Jezus en Maria zelven voor de
zondaars verrichtten en ten Hemel op-
zonden.
O H. Bloed van Jezus. Ik offer U
op, bij ieder geeselslag alle H. Misoffers
van \'t verledene, van \'t tegenwoordige
en der toekomst aan den hemelschen
Vader, zoo dikwijls als de pols slaat
zoo dikwijls ik adem haal, zoovele oogen-
blikken als ik leefde, en in eeuwigheid
nog leven zal tot voldoening voor de
vreeselijke zonde van ontucht en tot
bekeering van die ongelukkige zondaars
en zondaressen, die het lijden van Jezus
-ocr page 290-
284 Maria als Rozenkranskoningin
ieder uur, ja ieder oogenblik hernieuwen
en door hunne rampzalige zonden het
hemelsch Lam duizenden en duizenden
malen geeselen.
O H. Hart van Jezus door den smaad
en de pijn, door alle, bij de geeseling
geleden smarten, door alle daarbij ver-
goten bloeddruppelen, smeek ik U, om
een waar berouw over mijne zonden,
om de zuiverheid van lichaam en ziel,
óin de genade steeds een verstorven
leven te leiden.
O. H. Hart van Maria! red de arme
zondaars; o ik smeek U voor hen om
ontferming, opdat het kostbaar Bloed
en de oneindige liefde van Jezus voor
hen niet vruchteloos zijn.
2. Neem het Lam op in uw hart.
<Sp))eschouw thans nog het einde van
Jgjjpi dit treurtooneel, van Jezus bloedige
geeseling. Jezus wordt dan eindelijk losge-
maakt van de geeselkolom en valt mach-
teloos in zijn eigen bloed ter aarde neder.
Aan een verachtelijke worm gelijk, ver-
nietigd en vertreden, kromt zich mijn
Heiland in \'t stof en zucht tegelijkertijd
-ocr page 291-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 285
en des te pijnlijker, wijl niemand Hem
eenig medelijden betoont, maar de om-
standers Hem nog hoonen en bespotten.
Mijn Jezus ligt daar neder in een bloed-
plas; sidderend en bevend, wisent Hij zich
liet bloed uit de oogen en wil zich met
zijne onderkleederen bedekken. De sol-
daten, door den wijn verhit, denken in
hunne duivelsche boosheid nieuwe kwel-
lingen uit. In het gruwelijk mismaakte
lichaam des Zaligmakers vonden zij geen
ongeschonden plekje meer. Daar zien
zij echter, dat het aanbiddelijk aange-
zicht van den goddelijken Lijder nog
niet geheel en al mismaakt is; een hunner,
door helsche woede aangegrepen, neemt
eene scherpe roede en slaat daarmede
het goddelijk slachtoffer in zijn h. aan-
gezicht zoodat het bloed van alle kanten
stroomt en in Jezus geene gedaante
van een mensch meer te vinden is.
Gij echter o christen mensch, neem
Jezus in dezen lijdenstoestand op in
uw hart door eene geestelijke H. Com-
munie.
-ocr page 292-
286 Maria als Rozcnkranskoningin
Opwekking.
SpXi\'J de H. Communie. O mijn Jezus
V§pwat moet Gij boeten voor onze zonde;
o, laat toch uw H. Bloed voor zoo velen
niet verloren gaan; vervul mijn hart
niet alleen met een h. medelijden met
uw vreeselijk lijden, maar ook met een
volkomen berouw over al mijne zonden.
Schenk mij den geest van ware boet-
vaardigheid en verbetering mijns levens.
Dat mijne ziel steeds in liefde met de
uwe vereenigd zij en blijve, opdat ik,
met alle door uw kostbaar bloed vrijge-
kochte zondaars, U moge loven en uwe
barmhartigheid prijzen in eeuwigheid.
Amen.
-ocr page 293-
De 15 Gch. v. d. H. Rozenkrans. 287
HL pif doof ons tntt ooortiFn gffjroonb is.
Zie, mu koning.
Joh. 19. 14.
1. Leve Jezus, de Koning der smarten.
•^pv.eze heeft zich tot een koning ge-
ïjgfj maakt, wij willen Hem dan ook
als koning kleeden en op koninklijke-
wij ze kronen! Zoo spraken die onmen-
-ocr page 294-
288 Maria «als Rozenkranskoningin
schen en verzonnen eene nieuwe en
verschrikkelijke marteling. Eene vreese-
lijke doornenkroon werd vervaardigd;
uitgezochte steekdoornen met lange
scherpe punten naar binnen gekeerd,
werden vast in elkander gevlochten,
ü ongehoorde gruwelijkheid! O vrien-
den, broeders, zusters betracht de door-
nenkroon van uw God, uw Heer en
bruidegom. O vreeselijk schouwspel!
Aan mijn oog ontspringt een bittere
traan! Men doet Jezus op een steen
nederzitten: sidderend, bleek, met slijk
en bloed bedekt, wacht Hij zwijgend
de nieuwe tormenten af. O beminnens-
waardige bruidegom, ü goddelijk min-
nende Heiland, wat zegt mij uw Hart?
Kunt Gij U dieper vernederen en hoo-
ger stijgen in liefde? kunt Gij nog
grootere smarten om mijnentwille ver-
dragen ? Welk een voorbeeld van geduld
en nederigheid.
De barbaren beginnen hun gruwelijke
schanddaad. Zij plaatsen de doornen-
kroon op het driewerf heilig hoofd,
drukken ze zoo vast mogelijk te zamen
en binden ze aan den achterkant vast;
daarna nemen zij stokken en roeden
-ocr page 295-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 289
en slaan geweldig de doornen in dat
aanbiddelijk hoofd. De scherpe punten
dringen diep door, zij doorboren de
schedelhuid tot in de hersenen en wor-
den in de oogenholten zichtbaar. O vrien-
den, o Christenen, beeft en siddert! Een
Godmensch verdraagt dit van eene bende
verworpelingen. Ziet uw Koning, doods-
bleek, al zijne zenuwen trekken zich
krampachtig te zamen, onbeschrijfelijk,
onmeetbaar is zijn smart! Nooit heeft
een sterveling zooveel geleden, nooit
zal iemand zooveel kunnen lijden, ja
zelfs de maat en grootte dier smarten
niet kunnen begrijpen, veel minder ver-
dragen.
Wat de hel maar kan uitdenken laat
zij die onmenschen doen, om den Heer
te kwellen en te pijnigen. Met grijn-
sende gezichten staan ze Hem te be-
spotten, buigen voor Hem de knieën,
spuwen in zijn hoogheilig aangezicht.
Zij blinddoeken zijne oogen, plaatsen
een rietstok in zijne handen, slaan Hem
met vuisten en stokken, overladen Hem
met spot en lasteringen en sleuren Hem
over den grond heen en weder. En Je-
zus zwijgt, bidt, bemint, lijdt dat alles
19
-ocr page 296-
290 Maria als Rozcnkranskoningin
met een hemelsch geduld en eene en-
gelachtige zachtmoedigheid — Hij, de
Koning der smarten! Zoo boet Hij voor
de zonden der hoovaardij, der zinne-
lijkheid, der uitgelatenheid, de zonden
van gedachten en begeerten.
Ü welken dank, welke erkentelijkheid
zult Gij Hem betuigen ?
2. Leve Jezus de Koning- onzes harten.
^j|jS| zondaars! weent met mij; weent
jtyjggj over uwe zonden en droogt af de
tranen uws Verlossers. Ziet hoe Hij
over den ondergang des zondaars bloe-
dige tranen stort; ziet hoe gaarne Hij
ons wil redden en van \'t eeuwig verderf
bevrijden.
Opwekking.
3jS)jJNPK.R de h. mis. O zoete, liefde-
)^| volle Jezus, zoo toont Gij mij de
grootheid en uitgestrektheid uwer liefde
in de grootte en het bittere van uw
lijden! üp \'t innigst U dankend, offer ik
uw hemelschen Vader ieder bloeddrup-
peltje, iedere smart der doornenkroning
-ocr page 297-
Do 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 291
op, door uw oneindig lijdend Hart, en
ik smeek U om de genade, vaarwel te
zeggen aan alle hoovaardij en ijdelheid
dezer wereld, om als een ootmoedig lid
in levende gemeenschap van liefde en
genade met uw zoo schandelijk gekroond
hoofd verbonden te zijn, tot dat ik U
aanschouwen moge van aanschijn tot
aanschijn in uwe eeuwig heerlijke kroon.
O Hemelsche Vader, de zeeën uwer
liefde en barmhartigheid zijn uitgestort
in het lijden uws Zoons. Met welken
aangenamen geur stijgt het bloed van
dezen hemelschen Abel, zoo meedoogen-
loos door den wreeden Caïn, den zondaar,
vergoten, tot voor uw troon! Zie, het
roept niet om wraake maar om vergeving
en erbarming! Vergeving, o vader! ter
wille van de smarten uws Zoons.
Ik wil het H. Hart van den lijdenden
en stervenden Heiland binnentreden; ik
verzamel elk druppeltje van zijn H. Bloed,
en al de gevoelens ondervonden bij die
wreede doornenkroning leg ik neder op
het Godegewijde altaar van Maria\'s Hart;
Maria, die smartvolle Moeder, die met
Hem alles ondervond en leed; in naam
van den liefdengloed en \'t oneindig lij-
-ocr page 298-
292 Maria als Rozcnkranskoningin
den dezer Harten smeek ik U Vader
des Hemels, laat het roodkleurige bloed
uws Zoons nederdruipen op de afzichte-
lijke wonden der zondaars, ontruk Satan
den buit, sluit de hel en open den ver-
losten voor wie Jezus zijn kostbaar
bloed vergoot, den hemel. Moge het
nedervallen, hemelsche Vader, op alle
lijdende ledematen der strijdende en
lijdende Kerk, ter verheerlijking van uw
Naam, tot eer en lof van Maria en tot
heiliging van ons allen.
O Vader, verheerlijk uw Zoon, o Zoon
verheerlijk uwen Vader! goddelijke Geest,
versterk uwe Kerk door uwe krachtige
en heilige liefde, tot op \'t einde der
dagen. Amen.
-ocr page 299-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 293
IV. JDie ooor ons fff jroaw fjruis genragttt teff.
Die Mij wil navolgen neme zijn
kruis op.
Matth. 16. 24.
1. Volg Jezus met uw kruis!
fie voor het gerechtshof, verzamelde
-d±5^ joden eischten zoo lang Jezus bloe-
digen kruisdood, totdat eindelijk Pila-
-ocr page 300-
294 Maria als Rozenkranskoningin
tus voor hen zwichtte en het onrecht-
vaardig vonnis uitsprak. Zie nu hoe de
beulen het vijftien voet lange kruis
aanbrengen en het voor de voeten des
Zaligmakers nedenverpen.
Beschouw thans den goddelijken Hei-
land, met welk eene liefde Hij het tee-
ken der Verlossing omhelst. Tot drie-
maal toe kust Hij het kruis, onder een
vurig dankgebed tot zijn hemelschen
Vader en neemt het op zijne hooghei-
lige, doch door de geeseling gansch ver-
scheurde schouderen.
Volg nu Jezus, en geef opmerkzaam
acht hoe Hij, gebukt onder den last
des kruises zich voortsleept, hoe moei-
lijk en zwaar Hij ademt. Heb het grootste
medelijden met Hem, meer en meer
toch is Hij steeds aan nieuwe versma-
dingen en kwellingen blootgesteld.
Twee booswichten werden bij Hem
gevoegd, beiden waren roovers. Hier-
door hebben zij Jezus onder de misda-
digers gerangschikt en Hem als den
grootsten dezer gebrandmerkt.
Zeer lang duurde de kruisdraging.
Zie uw Heiland tot drie maal toe onder
den zwaren kruisbalk ter aarde storten
-ocr page 301-
De 15 Gch. v. d. H. Rozenkrans. 295
en in \'t stof nederliggend, van onder de
vreeselijke doornenkroon rondblikken of
er niet iemand opdaagt die Hem de
hand zou toereiken en ophelpen. Doch
niemand biedt zich aan; de onmenschen
slaan, stooten, vloeken en rukken Hem
met geweld omhoog. O mijne ziel, kniel
in den geest neder met de innigste
deelneming op deze drie plaatsen, waar
uw Jezus ter aarde nederviel.
Beschouw Maria, de smartvolste aller
moeders, hoe zij bleek en in tranen
badend tot haar Zoon opziet, en tot in
\'t diepste harer ziel ontroerd, zich in zijne
armen werpt.
Treed nader met Simon van Cyrene,
betracht van nabij uw kruisdragenden
Verlosser en zie zijn erbarmelijk uiter-
lijk, hoe allengskens zijne krachten door
het bloedverlies afnemen, hoe het zware
kruis op de reeds vroeger ontvleeschte
schouders, eene diepe afzichtelijke wonde
heeft opengescheurd en hoe hij onder
voortdurende mishandelingen, het harde
kruis moet voortslepen.
Reik met Veronica in plaats van een
zweetdoek, uwe ziel over, en bid den Hei-
land, dat Hij er zijn aanschijn in afdrukke.
-ocr page 302-
296 Maria als Rozenkranskoningin
Ween met de dochters van Jerusa-
lem over u en alle zondaars der wereld.
Begeleid uw verlosser tot op den Cal-
varienberg en beschouw den Man van
smarten. Zie hoe de soldaten Hem zijne
kleederen van \'t Lichaam rukken, al zijne
wonden heropenen en Hem, in onein-
digen smaad, ontbloot ten toon stellen
voor de oogen van allen, totdat de
kruisiging plaats grijpt. Wie zal aan
mijne oogen een bron van tranen geven
om het lijden mijns verlossers en mijne
zonden, die dit veroorzaakten, genoeg-
zaam te beweenen.
2. Opwekking.
^QCnder de h. mis. Kruisdraging:
J^H ü Hemelsche Vader, blik neder,
op uw goddelijk Kind; ik offer U dat
innig dankgebed, opwellend uit zijn
H. Hart toen Hij. het kruis op zijne
eerbiedwaardige schouders nam. Hier-
mede vereenig ik mijne dankzegging
voor alle kruisen. O sta mij toe en
aan allen die Gij U gewaardigt een
klein gedeelte van \'t kruis over te geven,
te erkennen, dat het kruis, hoe klein
-ocr page 303-
De 15 Gch. v. d. H. Rozenkrans. 297
en gering \'t ook wezen moge, een tee-
ken is der voorbestemming en een parel
der hemelsche kroon, wanneer het met
geduld, volharding en liefde wordt ge-
dragen; dat het geadeld wordt door de
vereeniging met uw lijden, uwe liefde
en overgeving aan den wil des hemel-
schen Vaders.
O mijn Jezus, gaarne wil ik alle krui-
sen aannemen, mij door de goddelijke
voorzienigheid toegezonden en in ver-
eeniging met uwe bereidwilligheid, ge-
duld, liefde en overgeving dragen, zoo
lang Gij zulks goedvindt. O geef mij
hiertoe uwe genade. Amen.
Eerste Val. O Hemelsche Vader ik
toon U, uw Zoon daarneer liggend plat
ter aarde, bij deze gruwelijke mishan-
deling. Ik offer U, door Maria, Jezus\'
H. Hart bij dit drosvig lijdens-tooneel
en breng voor den troon uwer barm-
hartigheid ieder druppel van zijn ver-
goten Bloed, als een smeek- en zoenoffer
en bid U, alle onschuldigen toch voor
den eersten val in de zonden te behoeden.
De ontmoeting van de Moeder: He-
melsche Vader, ik draag U op, de smart
-ocr page 304-
298 Maria als Rozenkranskoningin
der HH. Harten van Jezus en Maria,
als een volmaakt smeek-, dank-, zoen-
en eerbetuigingsoffer voor alle zonden
der wereld, de oorzaak dezer smarten.
Ik draag U op al die bittere tranen,
dat innig medelijden, die ware liefde
van de Moeder der smarten en ik smeek
U, doe geheel en al in vollen glans den
ontwaakten ijver ontvlammen, om Ma-
ria, de geliefde koninginne des Hemels,
door \'t schoone Rozenkransgebed te
vereeren. Ik bid U ook in \'t bijzonder
voor ons dierbaar Vaderland, opdat allen,
ook onze afgedwaalde broeders en zus-
ters mogen terugkeeren in den schoot
der eene ware Moederkerk en daarin
den zaligen troost smaken wederom Ma-
ria de goede en barmhartige Moeder-
maagd te vereeren, met vertrouwen en
heilige godsvrucht aan te roepen, tot
Haar te vluchten in allen nood, in alle
wederwaardigheden en kruisen. O He-
melsche Vader, in naam van \'t bitter
lijden uws Zoons, in naam der bittere
smarten zijner Moeder en uwe dochter,
bekeer ons dierbaar Nederland.
Simon van Cyrene: O mijn Jezus, zie,
-ocr page 305-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 299
ik bied U mijne schouders en handen
aan, om U het kruis te helpen dragen.
Ik offer mij op, als slachtoffer voor
mijne medemenschen, opdat zij niet
verloren gaan en uw kostbaar Bloed
voor hen niet vruchteloos zijn moge.
Amen.
Veronica: O mijn zoetste Jezus en
Bruidegom! ik breng U mijn arm hart
en bid U, o prent uw heilig aanschijn
met alle trekken der liefde en der smar-
ten, tot aandenken aan uwe lieve
tegenwoordigheid in hetzelve, gelijk gij
Dit afdruktet in den zweetdoek van
Veronica. Prent uwe Beeltenis in alle
harten die beminnend naar U verzuch-
ten. Prent Het, in het hart der onschul-
digen, opdat zij in U een zeker wapen
hebben tegen elke verleiding. O prent
Het ook diep in het hart der rouwmoe-
dige zondaars, opdat zij Het nooit meer
door de boosheid der zonden mogen
mismaken, maar prent het ook in het
hart der verstokte zondaars, opdat zij
door den aanblik van uw heilig lijdend
Aanschijn tot inkeer komen en nooit of
nimmer meer door eenige zonden, uw
zoo smartvol lijden vernieuwen. Amen.
-ocr page 306-
300 Maria als Rozcnkranskoningin
Tweede val. Hemelsche Vader ik offer
U op, dezen tweeden smartvollen val
en al de verdragene gruwelijke mishan-
delingen van uw dierbaren Zoon, met al
zijne vergotene bloeddruppels en smeek
U, o doe den zondaar van gewoonte
ontwaken uit zijn zondenslaap, door het
gedenken zijner uitersten; doe hem in-
zien zijne groote zondenschuld en het
gevaar, waarin hij zich bevindt. Bewaar
hem voor \'t hervallen in de zonden, en
doe hem den weg des heils bewande-
len, geef hem de genade trouw te vol-
harden tot in den dood. Amen.
De weenende vrouwen. O liefderijkste
Jezus, op uw kruisweg vergezel ik U,
met Maria, de smartvolle Moeder, met
den beminden Joannes, de boetvaardige
Magdalena, de vrome vrouwen van Je-
rusalem en met alle heilige zielen, die
uw h. lijden ten allen tijde vereerd heb-
ben en ik offer U, al hunne tranen,
zuchten en gebeden op, tot een dank-
zoen- en smeekoffer voor mij en alle
arme zondaars. Amen.
Derde Val. Hemelsche Vader ik draag
aan U op dezen derden zoo pijnlijken
-ocr page 307-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 301
val, alle slagen en mishandelingen en
eiken druppel van het vergoten Bloed
van uw zoon, voor de onboetvaardige
zondaars, die met opene oogen ter ver-
derve gaan. O red hunne zielen; zie,
uw goddelijke Zoon vervolgt hen met
zijn H. Kruis en verlangt, o zoo vurig,
hen allen te redden. O mijn Jezus, barm-
hartigheid, duizendmaal barmhartigheid!
Amen.
Berooving der Kkederen: O eeuwige,
door de goddeloozen toen en thans,
bespotte en verguisde Liefde! ik aan-
bid en smeek U, ach ter wille van
deze ontblooting, ontferm U over alle
zondaars en zondaressen onzer dagen,
die het voor U zoo smaadvol lijden
door hun misdadig leven zoo schan-
delijk hernieuwen. O diep gekrenkte
Jezus, bedek onze zondenschuld met de
verdiensten uwer hemelsche onschuld
en zuiverheid. Bekleed onze schaamte
met het stralengewaad van al uwe deug-
den en uwe oneindige heiligheid. Amen.
--SxSwS—
-ocr page 308-
302 Maria als Rozenkranskoningin
V. pis noor ons gi^rainigi is.
5ï|T]
■sjsygy^
~*^rjj
- __, .
^3
■MH^S3&k
2*«l
MD Pw
0
"ÉLl
f/rmijj. jPQ
iT_L-j-*
W\'dl
N*
LfH
Sf
kVJBj
}m
m
~v5l|j
iwsr^l
| #Ctama4,Jt6?-x^
— 1
<--*—
2*?
tf^
^r-=s.^vl
Zy hebben mijne handen en voeten door-
boord.
Ps. 21. 18.
Wanneer ik zal opgeheven zijn, dan zal
ik alles tot Mij trekken.
Joh. 12. 32.
1. Hecht uwe ziel aan het kruis.
u neemt de smart der smarten een
aanvang. Jezus wordt gekruisigd!
-ocr page 309-
De 15 Geh. v. cl. H. Rozenkrans. 303
geen mensch kan \'t bevroeden, nog
minder beschrijven wat Jezus toen ver-
dragen en geleden heeft. Beschouw mijne
ziel, terwijl gij dit geheim onder het
bidden van den rozenkrans overweegt,
hoe uw Heiland zich vrijwillig op
\'t kruis uitstrekt.
Opnieuw drukken zij den Zaligmaker
de doornenkroon op het hoofd — dan
stooten en werpen zij Hem achterover
op het kruishout en rekken den rechter-
arm van Jezus uit: één van hen stelt
de knie op zijne heilige borst, een an-
der opent zijne hand, een derde vestigt
een langen, dikken, driehoekigen spijker
op het vleesch en jaagt hem met her-
haalde hamerslagen door de hand. Smar-
telijk weergalmen die slagen in het Hart
van Maria; het bloed schiet Haar ijskoud
door de aderen, \'t Is alsof, zij zelve
aan het kruis wordt genageld...
Daar rukken en trekken de barbaren
den ingekrompen linkerarm op de voor-
bereide plaats; zij drukken opnieuw met
de knieën op armen en borst en drijven
den tweeden nagel door de hand des
Verlossers.
De spijker dringt priemend door spie-
-ocr page 310-
304 Maria als Rozcnkranskoningin
ren en pezen en zenuwen heen; het
lichaam van Jezus verkrampt, zijne borst
zwelt, de knieën trekken verwrongen
omhoog.
Dol van woede, stooten de beulen
gruwzame verwenschingen uit tegen het
zachtmoedige Slachtoffer; met razernij
rukken zij de voeten des Zaligmakers
naar beneden, drukken woedend en met
hunne gansche lichaamszwaarte op zijne
beenen, en ontwrichten zoo afgrijselijk
zijne lidmaten, dat men de beenderen
hoort kraken.
Dan grijpen zij den langsten nagel
dien zij vinden en slaan hem met ge-
weld door de voeten, tot in het kruis-
hout, stroomen bloeds springen uit de
wonden; zijne borst hijgt en zucht, zijne
oogen zijn gebroken en de doodskleur
verspreidt zich over al zijne lidmaten.
Te midden van het smaadgeroep, het
woeste schaterlachen, het beleedigend
gejuich der Phariseeën, verheft zich nu
wankelend het H. Kruis; het zwaait
een oogenblik op zijn voetstuk en valt
dan schokkend in de rotsholte, welke
men daar gegraven had.
Jezus slaakt een gil van smart, de
-ocr page 311-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 305
schok van het kruis heeft hemel en
aarde bewogen en doorgedreund tot in
de afgronden der hel.
Het offer is volbracht, de wereld gered!
O welk tooneel, wat smartvol schouw-
spel voor het hart eener moeder, Maria,
Jezus\' heilige Moeder stond aan den
voet des kruises en had haar lichaam
en hare ziel, haar leven en bloed aan
God geofferd; al haar lijden vereeni\'d
met de smarten van Haar goddelijken
Zoon voor onze zaligheid.
Opwekking.
(5/|V!!n,der de h. mis. Hemelsche Vader
*$*» blik neder op uwen goddelijken
Zoon, die van liefde geheel verteerd,
daar neerligt op \'t altaar des kruises. Ik
draag U op ieder druppel van zijn ont-
schuldig vergoten Bloed en zijn hoog-
heilig Hart in deze heldhaftige opoffe-
ring en overgeving, als een smeek- en
zoenoffer voor alle arme zondaars.
O gekruiste liefde, Jezus Christus help
mij op uw bloedig kruis, hecht er mij
aan met den nagel eener sterke en reine
liefde, opdat ik U ter liefde alles ver-
20
-ocr page 312-
306 Maria als Rozenkranskoningin
drage; alles, uit liefde tot U lijde en
ook eens uit liefde tot U, sterve. O Je-
zus laat mij uit de wonde uwer handen
en voeten slechts liefde putten; ontvlam
mij, met U aan \'t kruis gehecht, met
den vurigsten gloed van liefde voor kruis
en lijden. Amen.
2. Volhard met Jezus op het kruis.
<^pVeschouw de verheffing van het kruis,
>;Ep hoe die goddelooze bende onder
hoongelach en spot, onder vloeken en
lasteren, het kruis met den er aan vast-
genagelden Godmensch in eene diepe
kuil laten nedervallen. Door dezen ge-
weldigen schok hernieuwen zich alle
smarten des Verlossers, al zijne wonden
worden heropend en overvloedig stroomt
opnieuw zijn h. bloed op de aarde en
het goddelijk slachtoffer ligt in eene zee
van smarten gedompeld.
Opwekking.
^Vnder de h. mis. Ik aanbid U, o
)^g zoetste en liefdevolste Jezus, ik
kniel neder bij uw kruis en smeek U:
-ocr page 313-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 307
O laat deze vreeselijke smarten en pij-
nen voor mij en de zondaars toch niet
verloren gaan. Met den grootsten eer-
bied nader ik uwe heilige wonden, ik
kus ze met liefde en smeek U, sluit in
uw H. Hart in doodstrijd verkeerend,
de strijdende en de lijdende Kerk! Ach
zie nu genadig neer van af uw kruis,
op de ellenden onzer dagen. Hemelsche
Vader, blik neder op uwen geliefden
Zoon, Die daar in oneindigen smaad,
kwelling en smart hangt aan het heilig
kruis. Zie zijne liefde, zijne smarten,
zijne ontferming en barmhartigheid voor
de zondige wereld; zie, hij betaalt onze
zondenschuld. Ieder polsslag van zijn
heilig Hart, ieder ademtocht, iedere
smart, ieder druppel Bloed, iederen
zucht, iederen kreet van smart en pijn,
iedere bede en opoffering, ieder akt van
geduld en overgeving in zijne onmeet-
bare smarten, beschimpingen en mis-
handelingen, iedere volmaakte berusting,
iedere volkomene gehoorzaamheid aan
uwen heiligen wil, zijne volharding in
liefde tot U en tot de arme zondaars,
dat alles offer ik U op en door dat alles
smeek ik U om barmhartigheid en ver-
-ocr page 314-
308 Maria als Rozenkranskoningin
geving, nu en in het uur van den dood,
voor mij en alle zondaars der wereld.
Amen.
Eerste woord van [ezus aan het kruis:
» Vader vergeef het hun, want zij weten
niet wat zij doen."
O Hemelsche Vader,
neem deze volmaakte akte van liefde
van uw Zoon aan tot voldoening voor
alle zonden van wraak en vijandschap;
schenk aan alle zich vijandig gezinde
personen, de genade der verzoening, en
aan alle standen vrede, eendracht en
tevredenheid.
Tweede woord: »Heden nog zult Gij
niet Mij zijn in het Paradijs."
Eeuwige
Vader! Ik smeek U ter wille van het
grootmoedig Hart van Jezus om genade
voor alle onboetvaardige zondaars! O
schenk hun nog aan den rand des af-
gronds het licht, om hunnen toestand te
kennen, geef hun berouw, boetvaar-
digheid en het eeuwige leven!
Derde woord: nZie, uw Zoon, zie
uwe Moeder!"
Lieve Moeder, herinner
U de smart, de liefde met welke Gij
ons onder \'t kruis als uwe kinderen
-ocr page 315-
De 15 Gch. v. d\' H. Rozenkrans. 309
hebt aangenomen en gebaard. Erbarm
U onzer. Strek uwe beschermende en
zegenende hand uit over ons Vaderland.
O Maria, laat ons uwe kinderen zijn.
Vier Je woord: * Mij 11 God, mijn God,
wanrom hebt Gij Mij verlaten"
O He-
melsche Vader, ik offer U het zoo ver-
latene en in doodsstrijd verkeerende
Hart van Jezus. Ontferm U over de
stervenden, en gedenk mijner in mijn
doodstrijd, sta mij dan bij met uwe ge-
nade.
Vijfde woord: tik heb dorst." He-
melsche Vader, ik offer U deze pijnlijke
smart van uw geliefden Zoon, voor de
zonden van wellust en overdaad, van
zingenot en verkwisting in onze dagen.
Geef ons den waren geest der verster
ving en zelfverloochening.
Zesde woord: *Het is volbracht." 0
geliefde Jezus, volbreng ook in mij, wat
Gij met mij begonnen hebt, opdat ook
ik op \'t einde mijns levens kan uitroe-
pen, in waarheid: Alles wat mij door
den hemelschen Vader is opgelegd, is
volbracht. Volbracht zijn mijne plichten.
-ocr page 316-
3io Maria als Rozenkranskoningin
voleind de kwellingen, smarten en we-
derwaardigheden dezes levens. Alles ter
eere van God, door de verdiensten van
mijn Verlosser, Jezus Christus!
Zevende ïooord: j Vader in uwen han-
den beveel ik mijnen geest."
O Jezus, beze-
gel en heilig ook mijn doodstrijd met
den uwen; ook ik, alvorens mijn laatste
snik te geven wil spreken met vertrou-
wen, hoop en liefde: »0 Vader in uwe
handen beveel ik mijnen geest"; open
mij alsdan de poorten van den Hemel.
Jezus, Maria en Joseph, ontvangt mijne
arme ziel en geleidt ze voor Gods rech-
terstoel. Amen.
-ocr page 317-
f)e glorierijke G[el\\ein|ei\\.
I, JDie oan ntn önou is opgfsfaan!
Verheug U, o Koningin des Hemels.
H. Kerk.
I. Jezus leeft weder — Alleluial
Verheug £/, o Koningin des Hemels —
Alleluia!
fÊ$k Heerlijke Paaschmorgen, hoe schit-
y^fl terend en prachtvol roodgekleurd
-ocr page 318-
312 Maria als Rozenkranskoningin
is uwe schemering en verkondigt gij ons
het vreugdevol, eeuwig licht. De duis-
ternissen der nacht zijn verdwenen, de
Heer is uit het graf opgestaan, Jezus
leeft wederom, üe sikkel des doods
heeft Hij vernietigd, zijne vijanden be-
schaamd, de hel verwonnen, den Hemel
geopend. O geven wij ons aan vreugde
over, alle leed en droefheid is in blijd-
schap veranderd, de Hemel is ons!
Hoe vreugdevol was die glorievolle
opstanding vooral voor Maria, die wij
in dit eerste blijde geheim vereeren en
begroeten. Jezus verscheen Haar, om-
geven met de uit het voorgeborgte der
hel bevrijde zielen, met het vaandel der
overwinning van de wereld, den dood
en de hel. Maria zag het, hoe Hij in
hemelschen glans en onuitsprekelijke
schoonheid tot Haar kwam. Hij begroette
zijne Moeder, Haar zijne hand toerei-
kend, terwijl Hij de Profeten en Aarts-
vaders opwekte Haar te begroeten en
te danken, dewijl de poorten der hel
gesloten en die des Hemels geopend
waren. Maria knielde voor zijn voeten
neder, en bracht Hem den innigsten dank
voor het volbrachte Verlossingswerk.
-ocr page 319-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 313
2. Opwekking in de H. Mis.
•jtóSj Hemelsche Vader! ik verzamel
j^| iedere akte van liefde, van lijden,
van opoffering, van dankzegging, van
voldoening en gebed in de Menschwor-
ding, het leven, het sterven, en de op-
standing van Jezus Christus en daarmede
vereenig ik alle liefdeblijken, smeekge-
beden, opofferingen en gevoelens van
medelijden van Maria en van alle lieve
heiligen Gods. Ik leg ze allen neder
in de handen der zuivere Moedermaagd
en door Haar bied ik ze U aan, O lief-
devolle God. Tegelijker tijd draag ik
U op, alles wat Maria gedurende de
veertig dagen na Jezus verrijzenis heeft
gedaan en ondervonden, wat zij in den
zoeten omgang met Jezus heeft ver-
richt tot uwe glorie, tot ons zielenheil:
alle lof- en eerbetuigingen, alle akten
van liefde, al hare gewaarwordingen van
vreugde en dankbaarheid. Hemelsche
Vader, neem dat alles aan tot heil,
zegen en bloei uwer kerk; verhoor het
gebed der zuivere Moeder van Jezus
voor de ellende onzer dagen, den nood
onzer H. Kerk, het heil van ons ge-
liefd Vaderland. Amen.
-ocr page 320-
314 Maria als Rozenkranskoningin
II. JDie ha Jptntri is Djigtljlniitnien.
J/et is goed voor U, dat Ik heen ga.
Joh. 16. 7.
. 1. Stijg in den geest ten Henel!
3/|ïjjj nog slechts een oogenblik en Jezus
J^)is aan de aarde onttrokken.Beschouvv
uw Heiland in de schitterende schoon-
heid van zijn verheerlijkt Lichaam, ter-
-ocr page 321-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 315
wijl Hij daar op den Olijfberg zoo roerend
afscheid neemt van de zijnen, bijzonder
van zijne beminde Moeder. Nogmaals
drukte Hij Haar aan zijn goddelijk min-
nend Hart, zegent en troost Haar. Hij
sterkt, leert, zegent en troost ook zijne
leerlingen en spreekt tot hen: Ik stijg
opwaarts ten Hemel tot Mijnen en Uwen
Vader: Ik ga henen om U eene woon-
plaats te bereiden.
Nu verheft zich de Heiland, van god-
delijke schoonheid stralend en schitte-
rend, van de aarde en laat ons al zijne
liefde, zijne waarheden, zijne heilmidde-
len en zegeningen in onze H. Kerk
achter. Eene doorschijnende wolk om-
hult zijne schoonheid; zijn aanschijn
straalt in altijd toenemenden glans en
heerlijkheid; nog strekt Hij zijne han-
den zegenend uit over die geliefde schare,
steeds hooger en hooger stijgt Hij om-
hoog. Aller oogen vol liefde en verlangen
staren Hem na, totdat eene heldere witte
wolk Hem aan hunne blikken onttrekt.
Hij is verdwenen!
O stijg hemelwaarts mijn geest en
mijn hart en betracht dien feestelijken
intocht, die heerlijke hemelvaart; alle
-ocr page 322-
316 Maria als Rozenkranskoningin
koren van heilige Engelen, Cherubynen
en Seraphynen komen Hem jubelend
te gemoet, alle verloste zielen der Oud-
vaders, Patriarchen en Profeten, de
H. Joannes de Dooper, zijn H. Voed-
stervader Joseph, de H. Joachim en de
H. Anna, alle onschuldige Kinderen,
alle H. Martelaren voor Hem gestorven
en elke ziel door Jezus verlost, bege-
leiden jubelend en juichend hunnen en
onzen Verlosser en brengen den heilig-
sten dank aan de H. Drievuldigheid
voor de Menschwording des eeuwigen
Woords, voor de door Hem volbrachte
verlossing. Heilig, heilig, heilig, eer,
roem en macht zij van eeuwigheid tot
eeuwigheid, van geslacht tot geslacht
door alle Heiligen Gods, alle koren
der engelen den Vader, den Zoon, en
den H. Geest!
2. Opwekking.
\'S/SÊnder de h. mis. O zoetste Moeder
j^ëS Maria, ik zwak schepsel vereenig mij
met uwe van liefdegloeiende Ziel, Die het
grootste aandeel had in de vreugde van
Jezus\' Hemelvaart. Evenals de bruid in
-ocr page 323-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 317
\'t Hooglied leundet Gij op uw geliefden
Zoon en riept uit: >Omgeef mij met
bloemen want ik kwijn weg van liefde!
O Jezus zegen ook mij gelijk eens uwe
leerlingen; ook voor mij en de mijnen
zijt Gij bij uwen hemelschen Vader een
Voorspreker en bereidt ook voor ons
eene plaats in uw eeuwig Rijk; geef mij
uwe genade om uwe voetstappen te
volgen wanneer ik ook steile en hob-
belige wegen, met doornen begroeide
paden moet bewandelen en evenals
Gij, mijn Toonbeeld, allerhande lijden
en vervolgingen moet verduren. Schenk
mij volharding, opdat ik steeds moge
smachten naar de voorhoven des Hemels,
al het aardsche verachte, slechts voor
den Hemel leve en zoo door werken
van geloof, hoop en liefde, na een
korstondig lijden tot de eeuwige vreugde
in uw Rijk moge geraken.
Om deze genade smeek ik U ook
voor allen, die zich in mijne gebeden
hebben aanbevolen, voor allen die mij
dierbaar zijn; voor mijne ouders en bloed-
verwanten, vrienden, bekenden en wel-
doeners, die deze genade deelachtig
kunnen worden. Eveneens smeek ik U
-ocr page 324-
318 Maria als Rozcnkranskoningin
voor de arme zielen des vagevuurs,
bijzonder voor N. N. mogen ook zij
de vruchten der verlossing genieten en
weldra tot de aanschouwing en glorie
Gods geraken. Amen.
-ocr page 325-
De 15 Gch. v. d. H. Rozenkrans. 319
III. dit ons fon J). jSccsf grjonusn teff.
G/j\'zeridt ons den //. Geest en ker~
niemut liet aanschijn der aarde.
Ps. 103. 30.
1. Zend ons, o Heer, Uwen H. Geest.
CjJOreed de zaal van Jerusalem binnen
£££< waar Maria, Jezus\' Moeder, met de
leerlingen in een aandachtig gebed vol-
-ocr page 326-
320 Maria als Rozenkranskoningin.
harden en met groot verlangen de komst
van den beloofden vertrooster afwachten.
Welke schoone deugden van geloof,
vertrouwen, volhardend gebed, ootmoe-
dige gehoorzaamheid banen den H. Geest
den weg tot die zuivere harten. Welk
eene heilige verzameling, waar eensge-
zindheid, godsvrucht, broederlijke liefde
alle zielen vereenigt. Al die harten zij
klopten allen voor Jezus\' liefd"e, allen
verlangen slechts naar den geest van
waarheid en troost en wanneer de leer-
lingen reeds van een zoo zuiver liefde-
vuur ontvlamd waren, hoe zal dan het
Hart der reine en geheel vlekkelooze
Maria van liefde vervuld zijn geweest!
Ach ik ben zoo zwak en heb zoo weinig
liefde; van verre slechts kan ik Maria\'s
liefde navolgen; doch ik wil neerknielen
bij haar minnend Hart en zoo hare van
liefdevlammende gebeden den Hemel
opdragen. O nog slechts een weinig tijds
o beminde Moeder, en de H. Geest zal
U geheel en al van liefde vervullen!
Zie, daar komt de goddelijke geest
met zijne zevenvoudige gaven en ver-
vult het hart der leerlingen met kracht,
waarheid, wijsheid, wetenschap, gerech-
-ocr page 327-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 321
tigheid, godsvrucht en liefde, sterkt hun
zwak hart om getuigenis te geven der
waarheid en deze met hun bloed te
bezegelen.
Maria, de reinste Bruid des H. Gees-
tes, ontving meer dan de anderen, ge-
evenredigd aan hare waardigheid, liefde
en verhevenheid. Meer dan de overigen
had zij deelgenomen aan Jezus\' lijden,
meer dan allen had zij oo\'-: de vertroos-
tingen des H.Geesles ontvangen. Haar
Hart werd als een gloeiende vuuroven,
voor de liefde van haar goddelijken
Zoon. Allervurigst smeekte zij haar God
voor de nog zoo jeugdige Kerk, voor
haar opperhoofd, Jezus plaatsvervanger
op aarde en voor alle priesters in d:n
loop der eeuwen. O zij werd die schit-
terende, helder lichtende ster aan \'t uit-
spansel der H. Kerk, zij de zeester
die alle stuurlieden van het scheepje
van Jezus\' kerk, in de geweldigste stor-
men zal voorlichten, bijstaan en redden.
2. Opwekking.
n de h. mis: O reine Maagd Maria
en gij H. Apostelen en leerlingen
van Jezus Christus, vraagt ook voor mij
21
-ocr page 328-
322 Maria als Rozenkranskoningin
de zeven gaven des H. Geestes en de
genade der eindvolharding in reine,
trouwe, standvastige en opofferende
liefde. Vraagt voor mij de genade, dat
ik nooit of nimmer meer den H. Geest
bedroeve en in den strijd met de mach-
ten der duisternis, met het weerspan-
nige vleesch en met de aanlokkende en
verleidende wereld moge pal staan, den
goeden strijd strijden, het geloof bewaren
en de kroon der gerechtigheid dragen
in den onbeschrijfelijk gelukkigen hemel.
üm dezelfde gunst vraag ik U, voor
alle arbeiders in den wijngaard des
Heeren, voor alle zielzorgers, missiona;
rissen, biechtvaders, predikers en leeraars
der jeugd. O H. Geest verdrijf dien
onzaligen vrijheidsgeest, dien geest van
onafhankelijkheid en opstand tegen het
wettig gezag welke in onze tijden, onder
den naam van verlichting en vooruit-
gang alles in dolle woede, hoogmoed,
ongeloof en zedeloosheid dreigt omver
te halen, en wat heilig en eerbiedwaar-
dig is te vernietigen.
O Jezus, ontferm U onzer, verneder
uwe vijanden door de tuchtroede uwer
barmhartige en verzoenende liefde. Amen.
-ocr page 329-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 323
IV. pie J3, n fr^aagö, in ha $tmü totfi
opgfnoniFii.
Zalig zij; die in den Heer sterven.
13. d. Openb. 14. 13.
1. Leer van Maria sterven.
*ie kan het vatten, hoe zoet Ma-
S^ü^- ria\'s dood was. Beschouw Ma-
ria op haar sterfbed. Het oogenblik
-ocr page 330-
324 Maria als Rozcnkranskoningin
naderde waarop haar goddelijke Zoon
Haar geheel en al, tot den dood toe,
door liefdepijlen verwondde. Eenhemel-
sche geur vervulde de lucht; jubel- en
vreugdezangen weerklonken; alle apos-
telen, Thomas alleen uitgezonderd,
staan aan het sterfbed der geliefde
Moeder; lichtend als de zon glanst haar
hemelsch schoon aangezicht; zalige vrede
en engelachtige vreugde teekenen zich
op dat schoon gelaat.
Thans nadert haar Welbeminde, ge-
kleed met de heerlijkheid en schoonheid
des Hemels; altijd zachter en lichter
wordt hare ademhaling, zij strekt nog
eenmaal zegenend hare hand uit over
de geliefde leerlingen, die in tranen ba-
dend, geknield liggen om hare eenvou-
dige legerstede. Schitterender en schooner
wordt steeds haar van liefdefonkelend
oog en nu zingt die lelieblanke duive
in hemelsche verrukking: O mijn wel-
beminde, kom, kom o Heer Jezus! nog
een laatste ademtocht en zij is der aarde
onttrokken, verteerd door de reinste,
de volmaakste en heiligste liefde.
Duizenden van Engelenscharen dra-
gen hare schoone ziel tot voor Gods
-ocr page 331-
Ue 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 325
troon, terwijl anderen, in hemelsche
melodien zingen: Wie is Zij, die daar
opstijgt uit de woestijn, steunend op ha-
ren welbeminde, schitterend als het mor-
genrood, glansend als de zon ?
In hemel-
schen luister schitterend,met de heerlijkste
edelgesteenten der volmaakste deugden
versierd, met de volheid der genade
omkleed, overtreft ze verre alle denk-
bare schoonheid van eenig schepsel.
Schooner dan de koningen en konin-
ginnen der aarde, schooner en heerlijker
dan de blinkende hemelvorslen stijgt
Maria omhoog, gedragen door Kngelen-
handen tot voor den troon des Aller-
hoogsten.
Blik Haar na, o mijne ziel, verhef
het oog des geloofs! Welk een heerlij-
ke triomf.
Jezus, cmgeven van alle uitverkore-
nen, komt zijne hooggezegende Moeder
tegemoet en begroet Haar met alle
hemelingen van af Adam en Eva, de
H. Patriarchen en Profeten, met haren
Bruidegom den H. Joseph met alle
H. Martelaren, Belijders, Maagden en
alle H. Engelen.
Met onbeschrijfelijke vreugde verwel-
-ocr page 332-
326 Maria als Rozenkranskoningin
komt Haar de hemelsche Vader als zijne
geliefde Dochter; de Zoon, als zijne be-
minde Moeder, de H. Geest als zijne
onbevlekte bruid.
Zie, kostbaar is in Gods oog c\'e dood
des rechtvaardigen. Hoe kostbaar moet
dan de dood van Maria geweest zijn,
Zij die stierf door overmaat van liefde.
Haar dood was niet de straf der zonde,
maar-zij stierf om ook hierin haar god-
delijken Zoon gelijkvormig te zijn, om
door haar sterven ook ons zondaars
nog genaden te verwerven, en om zelve
ook door de algemeene poort des doods
tot de eeuwige liefde te kunnen geraken.
2. Opwekking.
n de h. mis. O driewerf gelukzalige
Moeder, denk aan mij, wanneer ook
eens voor mij dat bange uur slaat,
wanneer allen mij verlaten en de wreede
dood, wegens de onzekerheid mijner za-
ligheid mij zal doen sidderen en beven;
wanneer mijne zonden zich als een berg
voor mijne oogen verheffen en niemand
mij meer troosten kan dan Gij alleen,
-ocr page 333-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 327
voor wie de zwarte onderwereld wijken
en vluchten moet.
O Moeder der zuivere liefde, herinner
U dan uwe glansrijke hemelvaart; want
ik verlang zoo vurig mijn dood met
den uwen te vereenigen, mijne zwakheid
en machteloosheid met uwe liefde te
bedekken, mijne schaamte met uwe
deugden te bekleeden, mijne menigvul-
dige zondensmetten met uwe vlekkelooze
zuiverheid te reinigen. O laat mij in
dat beslissend oogenblik uwe bescher-
ming en hulp ondervinden o Moeder,
strek dan uwe hand tot uw kind uit en
geleid mij naar het land der eeuwige
zaligheid.
H. Drievuldigheid tot uwe vreugde
en die van geheel het hemelsch Hof,
offer ik U op, dit kostbaar en zalig
einde van Maria. Ter wille harer liefde
en verdiensten smeek ik U, om de groote
genade, mijne loopbaan ook in heilige
liefde te voleinden. O laat ons met het
zegel der H. Drievuldigheid geteekend,
uit dit leven scheiden in den Naam des
Vaders en des Zoons en des H. Gees-
tes. Amen.
-ocr page 334-
328 Maria als Rozenkranskoningin
V. JDie JI, o f^aagi, in ha tytmel pljiraiii ktfl
Kom mijne Bruid gii ivorilt gekroond.
Hooglied. 4. 8.
1. Verheug £7, o Koningin des Hemels.
«Tf\'ir waren reeds drie dagen verloopen
ifij sedert de H. Maagd in een geheel
nieuw graf in het dal van Jozaphat bij
-ocr page 335-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 329
Jeruzalem was begraven. De leerlingen
des Heeren en eenige H. maagden,
hadden trouw de wacht gehouden bij
Maria\'s graf; uit liefde en verlangen
openden zij nogmaals het graf om no^
eens dat geheiligd Lichaam te aanschou-
wen, doch zij vonden het graf ledig.
Slechts het kleed en het witte linnen
was nog aanwezig.
Jezus haar goddelijke Zoon wilde ook
daarin zijne geliefde Moeder aan Zich
gelijkvorming maken, door ook Haar
op den derden dag van de dooden te
verwekken. Hij wilde niet dat dit maag-
delijk Lichaam, dat nooit de zonde ge-
kend of gediend had, en uit hetwelk
Hij zelf het maagdelijk vleesch en bloed
had aangenomen, der ontbinding werd
prijs gegeven. De H. Ziel van Maria
vereenigde zich op nieuw met haar ver-
heerlijkt heilig Lichaam en werd onder
eindeloos gejubel onder de heerlijkste
lof- en dankliederen van geheel het
hemelsch Hof door de Engelen, den
Hemel binnengevoerd. Welk een heer-
lijke zege en overwinning bereidde de Va-
der aan zijne geliefde Dochter, de god-
delijke Zoon zijne teedere Moeder, de
-ocr page 336-
330 Maria als Rozenkranskoningin
H. Geest aan zijne onbevlekte ontvan-
gene, smettelooze Bruid. De geheele
Hemel bracht om strijd zijne verhevene
koningin de schoonste huldigingen; Maria
steeg hooger en hooger door alle He-
melen heen tot voor Gods troon. Cheru-
bijnen en Seraphijnen hielden de kostbare
kroon bereid, waarmede Jezus haar god-
delijke Zoon, het hoofd zijner liefdevolle
Moeder kroonde. De H. Drievuldigheid
roept nu Maria uit als Koningin van
Hemel en van aarde en g.heel het
hemelsch Hof huldigt Haar en zingt
in onuitsprekelijken jubel: Amen.
2. Opwekking.
ÜI&n de h. mis: O Maria, mijne lieve
^p Moeder, ik verheug mij en wensch
U duizendmaal geluk met uwe heerlijk-
heid omdat Gij met ziel en lichaam in
het rijk der Hemelen opgenomen en
als Koningin van Hemel en van
aarde gekroond zijt geworden. Gij zijt
ons, wel is waar, ontnomen en wij zijn
als arme weezen achtergelaten, maar Gij
-ocr page 337-
De 15 Geh. v. d. H. Rozenkrans. 331
hebt niet opgehouden onze Moeder te
zijn. Thans als Koningin van het
H. Hart kunt Gij alles, en als Moeder
wilt Gij uwe kinderen alle goed bewij-
zen. Gij zijt niet alleen onze Voorspreek-
ster en Bemiddelares bij uwen Zoon,
gij zijt ook de schatbewaarster en Moe-
der aller gaven en genaden.
O Moeder, blik neder van af uwen
Hemeltroon op onze ellende en herinner
U de vreugde, de heerlijkheid, bij uwe
Hemelvaart ondervonden, toen U de
volle waardigheid van Koningin van
Hemel en aarde werd overgedragen.
Ter wille dezer vreugde voer ook mij
eens den Hemel binnen, na op aarde,
door een vollen aflaat al mijne zonden-
schuld te hebben uitgewischt.
Elke bede, die Gij van uwe eerste
intrede in den Hemel tot aan \'t einde
der wereld hernieuwen zult, offer ik op
voor alle menschen, bijzonder voor uwe
vereerders. Ik offer aan de Allerheiligste
Drievuldigheid op alle eer, lof en dank-
betuigingen, die uit het heiligste Hart
van Maria, door geheel de eeuwigheid
door, voor Gods troon opstijgen, en
-ocr page 338-
332 Maria als Rozenkranskoningin
vereenig hiermede mijne zwakke stem:
Leve Jezus en Maria.
O Maria, Moeder rein!
Laat ons uwe Kind\'ren zijn!
Sterk ons in den laatsten strijd!
Moeder van barmhartigheid!
Amen.
^0)*
-ocr page 339-
fWde (l)eel.
Mariaansch Gebedenboek
TER EERE DER
J^n|enI>t:ans^oningin.
-ocr page 340-
-ocr page 341-
9999999999�
999999999999
JYIoi\'^er^ebed.
—s*sx—
Bij het ontwaken.
üSn den naam des Vaders f en des
^R Zoons f en des H. Geestes f Amen.
Jezus, Maria en Joseph, u geef ik
mijn lichaam, mijn hart en mijne ziel.
Eere zij den Vader, die mij geschapen;
eere den Zoon, die mij verlost; eere den
H. Geest, die mij geheiligd heeft. Eere
zij der allerheiligste en onverdeelde
Drieéenheid, van eeuwigheid tot eeuwig-
heid. Amen.
Bij het opstaan.
n den naam van mijnen gekruisten Hei-
land,die mij door zijn kostbaar Bloed
verlost heeft sta ik op, dat Hij mij ze-
gene, geleide, van alle kwaad beware,
en tot het eeuwige leven voere.
-ocr page 342-
336                    Morgengebed.
Na het aankleeden.
(Zot u op de knieën neder maak het kruis-
teeken en zeg:)
Jlpk werp mij ootmoedig voor uwe onein-
^Jgf dige Majesteit neder, o mijn God en
Heer, en aanbid U met al uwe Engelen
en Heiligen. Ik loof en dank U, dat Gij
mij dezen nacht van alle gevaren naar
ziel en lichaam bewaard, en nieuwe
kracht gegeven hebt. Gij hebt mij we-
der een dag geschonken; zie, Heer, ik
wil hem geheel tot uwe eer en uwen
lof besteden: ik smeek U, geef mij daar-
toe uwe genade. Bewaar mij voor alles,
wat mij schadelijk zijn kan; vooral
echter van de zonde en een kwaden dood.
Verlicht mijn verstand, en sterk mijn
wil in het goede; zuiver mijn hart en
heilig mijne ziel, opdat ik U steeds
aangenaam en welgevallig zijn moge.
Verwijder van mij alle vijandige aan-
lokselen tot het kwaad, en geef mij kracht
en volharding, om alles te vermijden,
wat uwen heiligen wil wederstreeft. Ik
offer U dezen dag op met alle dagen
mijns levens; al mijne gedachten, woor-
den en werken wijdt ik aan uwe liefde
-ocr page 343-
Morgengebed.                  337
toe, bestier en geleid mijn doen en laten
naar uw welgevallen, en laat alles wat
in mij is, tot uwe meerdere eer en glo-
rie verstrekken. Jk wil slechts voor U
leven, o mijn God; U slechts wil ik
toebehooren en liever sterven dan kwaad
te doen en uw goddelijk Hart door eene
zonde te bedroeven, (leef mij uwen ze-
gen, o mijn God en Vader, en bestier
al mijne werken en lotgevallen ten beste.
Verleen mij dat ik dankbaar jegens tl
zij in geluk en voorspoed, in uwen hei-
ligen wil berustend in lijden en wcder-
waardigen: geef mij volharding en ver-
trouwen op uwe vaderlijke Voorzienigheid
in den arbeid en in moeielijkheden; geef
mij in alle omstandigheden des levens
ootmoedigheid des harten, ijver tot het
goede, afschuw van het kwaad, gezond-
heid naar lichaam en ziel en eene zui-
vere meening: geheel bijzonder echter
geef mij eene brandende en innige liefde
tot U, en laat mij nooit van uwe liefde
gescheiden worden.
Heilige Maria, mijne Koningin, aan
uwe moederlijke bescherming, aan uwe
bijzondere bewaring en groote barmhar-
tigheid beveel ik heden en altijd, maar
-ocr page 344-
338                 Morgengebed.
vooral in het uur van mijn dood, mijne
ziel en mijn lichaam.
U beveel ik al mijne hoop en mijn
troost, al mijne wederwaardigheden en
ramspoeden, mijn leven en deszelfs einde.
Verkrijg mij door uwe machtige voor-
spraak en verdiensten de genade, dat ik
in al mijn doen en laten uwen wil en
den wil van uwen go\'ddelijken Zoon
vervulle. Amen.
En gij, heilige Engel Gods, dien de
goddelijke goedheid en vrijheid mij tot
beschermer verleend heeft, vergezel mij
heden op al mijne wegen, en geleid mij
veilig door alle gevaren van dezen dag
en van mijn geheel leven. Onderricht
mij in mijne onwetendheid; waarschuw
en bescherm mij in de bekoringen; troost
mij in de wederwaardigheden, wek mij
op tot het goede en bewaar mij voor
alle kwaad naar lichaam en ziel, tot
dat gij mij eens binnenleidt, in de eeu-
wige zaligheid. Amen.
Alle Heiligen des Hemels, en gij
vooral mijne heilige Patronen N. en N.
bidt voor mij bij God, opdat ik in uwe
voetstappen trede, in deugd en heiligheid
leve, en eindelijk door uwe voorspraak
-ocr page 345-
Morgengebed.                  339
in den hemel worde opgenomen, om
met tl God eeuwig te loven en te prij-
zen. Amen.
Dagclijksche opoffering aan het heilig
en onbevlekt Hart van Maria.
jf^ET^ees gegroet, heilig en onbevlekt
y\'J)*lWr Hart van Maria, bij het aan-
breken van dezen dag, offer ik voor U
aan uwen goddelijken Zoon op, al mijne
gedachten en begeerten, alle gebeden,
alle werken van godsvrucht, van liefde
en van boetvaardigheid, die ik geduren-
de dezen dag verrichten zal, verwerf mij
de genaden om ze alle met de heiligste
meenig te doen, met uwe verdiensten
te verrijken, met U de allerheiligste
Drievuldigheid en het goddelijk Hart
van Jezus te aanbidden, en in het vaste
vertrouwen op uwe macht bij uwen
goddelijken Zoon, mijne bekeering, en
de bekeering van alle zondaren, ketters
en ongeloovigen te verkrijgen.
O Maria, toevlucht der zondaren, bid
voor ons.
Wees gegroet Maria enz.
-ocr page 346-
34°                 Morgengebed.
Gebed vin den //. Bernardus.
■"\'Y? edenk, o goedertierenste Maagd, dat
! VJT liet nooit geboord is, dat iemand
die tot U zijne toevlucht nam, uwen
bijstand verzocht, of uwe voorspraak
inriep, door U verlaten is. Bemoedigd
door dit vertrouwen, snel ik tot U,
o Maagd der maagden, en zuchtend
onder het gewicht mijner zonden, werp
ik mij rouwmoedig voor uwe voeten
neder; o Moeder des Eeuwigen Woords,
versmaad mijne gebeden niet, maar
neem die gunstig aan, en gewaardig u
die te verhooren.
Verkrijg voor mij en voor alle zon-
daren cene ware bekeering, voortduren-
de verbetering des levens en een zalig
einde. Amen.
Gebed ter eere der allerzaligste
Maagd Maria.
,fJB.XF-.\'ees gegroet, o glorierijkste, aller-
%\'lrll\'r heiligste en altijd onbevlekte
Maagd Maria, van (!od uitverkorene
Moedtr van onzen lieer en Verlosser
Jezus Christus! Wees gegroet en geloofd,
-ocr page 347-
Morgengebed.                 341
o hulprijke moeder der genade en barm-
hartigheid, onder uwe bescherming neem
ik mijne toevlucht, arme zondaar, wijl
gij als de beste toevlucht niemand ver-
stoot en versmaadt en nooit iemand on-
getroost laat heengaan, die met een
oprecht boetvaardig hart tot U komt.
Ach, verstoot mij niet wegens mijne
zware zonden, maar verkrijg mij van
uwen lieven Zoon genade en barmhar-
tigheid, vergeving aller zonden, verbete-
ring des levens, tijd en gelegenheid tot
ware boetvaardigheid. O allerzaligste,
liefderijkste Maagd Maria, kom mij te
hulp in alle gevaren, in allen angst en
nood; troost mij in mijne droefheid (en
vooral in deze mijne aangelegenheden
X. en X.)
O Maria, ik bid U nog eenmaal door
het lijden en den bitteren dood van Je-
zus Christus, wees mijne patrones en
voorspreekster bij God. Beveel mij aan
Uwen Zoon, opdat Hij mij altijd gena-
dig zij, vertoon mij aan uwen Zoon op-
dat Hij mjj in genade opneme en mij
al mijne zonden vergeve. Bijzonder help
mij, o Maria, in mijn laatste levensuur,
laat mij onder uwe moederlijke bescher-
-ocr page 348-
342                 Morgengebed.
ming gelukkig leven en eindelijk zalig
sterven; zoo bid ik U, help mij Maria!
Amen.
Aanbeveling in de genade Gods.
(Des morgens onder de H. Mis en ook gedu-
rende den dag te bidden.)
vJföjTeem mij op, o heiligste Vader, in
■^^jp uw genadevol vaderschap, opdat
ik wegens de goede voornemens, die ik
begonnen heb te volbrengen uit liefde
tot U, ook u eens tot loon en tot mijn
eeuwig erfdeel moge ontvangen.
Neem mij op, liefderijkste Jezus in
uwe broederlijke liefde, opdat ik met U
den last en de hitte van den dag drage,
en in al mijne moeielijkheden U tot
troost hebbe, en tot vriend en geleider
op mijne levensreis.
Neem mij op, o God, Heilige Geest,
in uwe milde barmhartigheid, wees Gij
de lecraar in mijn leven, en de ware
trooster mijns harten.
ü eeuwige liefde, mijn Jezus, mijn
God en mijn Koning! Neem mij op in
uw goedertierenst goddelijk Hart; bewaar
mij doorlJ en vereenig mij met U, want
naar U alleen verlangt mijne\'ziel. Amen.
-ocr page 349-
Morgengebed.                 343
Oefening der drie goddelijke deugden.
Paus Benedictus XIV\' heeft een vollen aflaat
verleend, aan de zielen in het vagevuur toevoeg-
lijk aan allen die een maand lang dagelijks de
drie goddelijke deugden van geloof, hoop en
lefde in hun hart verwekken en met den mond
uitspreken. Deze aflaat kan verdiend worden op
den dag, dat men gebiecht en gecommuniceerd
en de gewone gebeden voor de aangelegenheden
der Kerk gebeden heeft. Insgelijks wordt in het
stervensuur een volle aflaat verleend. Bovendien
verdienen alle geloovigen, die de drie goddelijke
deugden aandachtig bidden, telkenmale een aflaat
van 7 jaren en 7 quadragenen of 280 dagen.
lïepaalde gebeden zijn niet voorgeschreven; he:
is voldoende de drie akten van geloof, hoop en
liefde te bidden.
Oefening des Geloofs.
Q6k geloof in U, ware drieëenige God f,
SjjJ Vader f Zoon en Heilige Geest,
die alles geschapen hebt, alles onder-
houdt en bestiert, die het goede loont
en het kwaad straft. Ik geloof dat de
Zoon Gods is mensch geworden, om
ons door zijnen dood aan het kruis te
verlossen, en dat de H. Geest door zijne
genade ons heiligt.
Ik geloof en belijd alles, wat Jezus
-ocr page 350-
344                 Morgengebed.
Christus geleerd, wat de apostelen ge
predikt hebben, en de II. Roomsch-
katholieke kerk ons te gelooven voorstel:.
Dit alles geloof ik, omdat (lij o God,
de opperste waarheid en eeuwige wijs-
heid, die noch bedriegen noch be-
drogen kan worden, liet ons geopen-
baard hebt.
O God, vermeerder mijn geloof!
Oefening der Iloop.
Ï;k hoop en vertrouw op Uwe onein-
_i dige goedheid en barmhartigheid,
o God, dat gij mij door de oneindige
verdiensten van Uwen eeniggeboren Zoon
Jezus Christus in dit leven het berouw
en de vergiffenis mijner zonden zult
geven, en na den dood de eeuwige za-
ligheid, om U van aanschijn tot aan-
schijn te aanschouwen en eeuwig te
bezitten en te beminnen.
Ik hoop in dit leven ook van U te
verkrijgen alles wat mij daartoe helpen
kan, omdat Gij, die oneindig goed zijt
tot ons, almachtig en getrouw in uwe
belofte, ons dit beloofd hebt.
.0 God, versterk in ons de hoop!
-ocr page 351-
Morgengebed.                 345
Oefening der liefde.
J\'/*V mijn God, ik bemin U boven alles,
)xjt uit geheel mijn hart, omdat (lij
het opperste goed, en aller liefde waar-
dig zijt. Ook daarom bemin ik U, om-
dat gij jegens mij en alle schepselen
oneindig goed zijt. Ik verlang van gan-
scher harte U te beminnen, gelijk uwe
getrouwste dienaren u beminnen en be-
mind hebben. Met hunne liefde vereenig
ik mijne onvolmaakte liefde; o goede
God, maak mijne liefde steeds volmaak-
ter en vuriger.
Omdat ik U oprecht en innig wensch
te beminnen en er ernstig naar streef,
is het mij van harte leed, dat ik U
mijn opperste goed, dien ik boven alles
bemin, mijnen Schepper, Verlosser en
Zaligmaker vergramd heb.
Het spijt mij, dat ik gezondigd, dat
ik U mijn besten Vader, mijn almach-
tigen Heer, en rechtvaardigen Rechter,
beleedigd heb. Ik neem mij vast voor
alle zonden met alle gevaarlijke gele-
genheden te vermijden, de begane mis-
daden meer en meer uit te boeten, de
-ocr page 352-
346                 Morgengebed.
boosheid der zonden dikwerf te over-
wegen, en nooit meer tegen uwen hei-
ligsten wil te handelen.
Neem mij weder tot uw kind aan, en
geef mij uwe genade, om mijne voorne-
mens ten uitvoer te brengen. Daarom
bid ik U, door de oneindige verdiensten
van uwen goddelijken Zoon, onzen Heer
en Verlosser Jezus Christus. Amen.
Goede meening.
f(Êi niijn God, ik offer U op al mijne
>^j gedachten, woorden en werken; ik
vereenig ze met de oneindige verdiensten
van Jezus Christus.
Dal zij strekken tot Uwe meerdere
eer en aanbidding, ook ter eere van
Maria, de Moeder Gods, en ter eere
van alle Engelen en Heiligen; dat zij
geschieden tot dankzegging voor alle
ontvangene weldaden, tot voldoening
voor mijne zonden; tot verkrijging Uwer
genade, waardoor gij mij altijd van alle
zware zonden bewaren wilt; tot hulp en
troost der arme zielen in het vagevuur,
-ocr page 353-
Morgengebed.                347
vooral van diegenen voor welke ik ver-
plicht ben te bidden.
O mocht ik U altijd door mijne wer-
ken vereeren, gelijk Gij het verdient!
Beminnenswaardige Harten van Jezus
en Maria ontvlamt onze harten met uwe
liefde. Amen.
-ocr page 354-
ÏA voi| cl ge b e el.
Heilige rustplaats in het God.lelijk
J/art van Jeans.
*V^v\'\' ;:oet Hart van Jezus, mijne eeuwige
y^j liefde, wees dezen nacht mijne
rustplaats. Laat mijne ziel in uw hart
rusten, waar eens de geliefde leerling
Johannes rustte, opdat zij, terwijl de
zintuigen des lichaams slapen, in uwe
liefde wake, en zich in uwe eeuwige
glorie verheugen. In vrede wil ik daar
slapen en rusten, opdat mijn slaap met
uwen slaap hier op aarde vereenigd
kuisch en heilig, en Gode welgevallig
en verdienstelijk zij.
Gedenk mijner, o zoete Jezus; die
mijner reeds in uwe barmhartige liefde
indachtig waart, toen ik nog niet aan U
kon denken, opdat ik in heilige liefde
tot U ontwake, om U in alle getrouw
heid des harten te dienen. Amen.
-ocr page 355-
Avondgebed.                  349
Eeuwige aanbidding ter eere van Jut
goddelijk Hart van Jezus.
•^A\'.ller/.octste Hart van Jezus! /acht
£*!L rustbed van alle minnende zielen,
aan u beveel ik dezen nacht mijn hart,
mijn lichaam en mijne ziel, opdat gij
ze voor alle gevaar, voor alle onreine
voorstellingen, en voor alle kwellingen
van den boozen geest moogt bewaren.
O allerzoetste Hart van Jezus! ik bid
tl. daar ik dezen nacht God niet loven
kan, doe dit in mijne plaats, en zoo
dikwijls dezen nacht mijn hart klopt,
zoo veel duizendmaal loof en prijs de
allerheiligste Drievuldigheid.
Men noodigtde sterren des hemels uit om
God te loven.
Gij schoone, glanzende sterren des
Hemels, die altijd met blijdschap voor
uwen God schittert, wijl ik nu slapen
ga, en ook dan nog God loven wil,
daarom bid ik u, dat gij dezen nacht
in mijne plaats God loven moogt. Zingt
en jubelt dezen nacht, ja looft en prijst
in alle eeuwigheid mijn hemelschen
bruidegom, zeggende: »I,eve en regeere
-ocr page 356-
350                  Avondgebed.
»de eeuwige God, Hij zij en blijve alleen
«heilig, eerwaardig en geprezen in eeuwig-
>heid! Hij alleen zij en blijve allen lof,
»alle eer en aanbidding waardig in
«eeuwigheid." Amen.
Avondgebed ter eere van het heilig
Hart van Maria.
ij3Mgeilige Maria, maagdelijke Moeder
bgMjf van Gods Zoon, reine Bruid van
den H. Geest, hoop en vreugde van
alle Engelen, sieraad van het hemelsch
Paradijs, troon en koningin der Engelen,
heiligdom van de allerhoogste moeder
van Jezus Christus, mijn Verlosser, ik
bid Ü door de verdiensten van uw heilig
Hart, verkrijg voor mij de vergiffenis
der zonden, en bewaar mij ook dezen
nacht tegen alle gevaren der wereld,
des vleesches en des duivels en verleen
mij den bijstand uwer voorspraak! Ver-
werf mij glorierijke moeder van mijn
God, door de rijke barmhartigheid van
uwen Zoon zijne genaden, opdat ik in
het ware geloof gesterkt, na dit leven
waardig bevonden worde, de kroon der
eeuwige zaligheid te ontvangen. Amen.
-ocr page 357-
(jebeden
vooi\' ei\\ r^ci de Biecht.
Smeekgebed tot God.
OSk aanbid U ootmoedig met Maria
#jM en al uwe dienaren des Hemels, der
aarde en des vagevuurs, o allerheiligste
Drievuldigheid, één God, Vader Zoon
en Heilige Geest! Gij die alle harten
doorziet, en aan wien niets onbekend
en verbogen is.
Rouwmoedig smeek ik uwe allerhei-
ligste Majesteit om vergeving van alle
misslagen, die ik tegen u begaan heb
en smeek ootmoedig om de genade,
van al mijne zonden wel te kennen,
welke ik sedert mijne laatste biecht door
gedachten, woorden, werken en verzui-
menissen tegen U gedaan heb. Laat
ze mij met droefheid erkennen, opdat
-ocr page 358-
35-               Gebeden voor en
ik ze oprecht biechtc, en ware boete
doen moge.
Onderzoek uw geweten over de
volgende zonden:
I   Tegen God: Hebt gij niet gezondigd door
wijwilligcn twijfel aan eenc waarheid des geloofs;
door bijgeloovigheid; lieC lezen van verbodene
boeken, waarzeggerij; nalatigheid in het bijwonen
van liet christelijk onderricht; door vermetel be-
trouwen op Gods goedheid, of op uwe eigene
krachten; door mistrouwen op Gods barmhartig-
heid; vrijwillige moedeloosheid; wanhoop, hebt gij
God boven alles en uwen evennaaste om God
bemind; hebt gij niet gemord tegen Gods voor-
zienigheid; weerstaan aan de beschikkingen Gods;
gezondigd uit menschelïjk opzicht; de morgen- en
avondgebeden achtergelaten; de heilige mis ver-
zuimd of slecht bijgewoond, door oneerbiedig u
te gedragen, vrijwillig verstrooid te zijn; rond te
zien, te praten of te lachen; Hebt gij de Zon-en
Feestdagen niet onhciligd door arbeid, koop en
verkoop, door gezelschappen, vermaken bij te
wonen, die \\an God aftrekken; niet lichtzinnig
of valsch gezworen, leugentaal gesproken; den
naam Gods ijdel gebruikt, met geestelijke en hei-
lige zaken gespot? enz.
II   /<>//(/(\'// tegen de/i ere/tiMtrsfe: Hem vermetel
beoordeelen, verachten; wraakzuchtig zijn, hem
kwaad willen doen (zeg of de gedachten vrijwil-
lig en aanhoudend waren) de eer ontrooven in
liederen,boeken, geschriften en smaadreden; kwaad-
spreken, lasteren, kwade gesprekken aanhooren,
-ocr page 359-
na de Biecht.                       353
wil beletten, twist en tweedracht stichten; anderen
bespotten, verwensehen, beleedigen, beschimpen;
slechten raad geven, het kwaad goedkeuren; ge-
heime fouten van anderen openbaren. Woekeren,
bedriegen met koop en verkoop of spel, niet den
arbeid of het volbrengen van lasten; huichelen.
De waren vervalsenen, te duur verkoopen; over-
geblevene zaken zich toeëigenen, stelen, gestolen
goed koopen of bewaren. Ergernis of slecht
voorbeeld geven, vreemd goed of den goeden
naam niet herstellen. — Onderzoek u verder over
de plichten van uwen staat.
III. \'/.ouden tegen zich ze/ven: Hoovaardigheid
ijdelheid, ongeregelde eerzucht, zich zelven loven
of prijzen door woorden of daden; eigenliefde,
gierigheid, den arme niet naar vermogen geven,
zich zelven of anderen het noodige ontzeggen,
verkwisten, nijdigheid, zich verheugen als iemand
kwaad geschiedt; zich bedroeven als het hem
goed gaat; onkuisehheid; slechte gedachte en be-
geerten, slechte boeken lezen, onkuische taal
spreken, slechte liederen zingen of aanhooren,
werken met zich zelven of anderen, slechte of
verdachte gezelschappen bijwonen (Hiecht hierin
alles op zedige manier, ook de omstandigheden
die de boosheid vergrootcn en de soort der zon-
den veranderen.) On matigheid in eten en drinken;
gramschap, vechten en twisten, haat en afgekeerd-
lieid, ongeduldigheid; traagheid in de godsdienst-
oefeningen en plichten.
Na een genoegzaam onderzoek maak het voor-
nemen 11 Ie verbeteren; ven-enig uwe geringe
droefheid over de zonden met de ondoorgron-
delijke smart, welke uwe zonden Jezus veroor-
zaakten, die alleen terwijl Hij de oneindige ma-
23
-ocr page 360-
354              Gebeden voor en
jesteit zijns vaders kende, ook de afschuwelijkheid
der zonde inzag, en haar voortdurend moest
linten en verafschuwen.
Bid Hein dat Hij uw hart bewegc, en tot be-
rouw over uwc zonden opwekke uit vrees voor
Gods straffen, en uit liefde tot God, omdat Hij
zoo lankmoedig jegens n geweest is.
Berouw.
ijThi?echtvaardige God! hoe schaam ik mij
\'aPl over mÜn leven; niettegenstaande
mijne goede voornemens in de laatste
biecht, zijn mijne zonden talloos. O de
kwade begeerlijkheid en de zondige
driften, die mij van u scheidden, zij
zullen mij misschien eerder in het ver-
derf stooten dan ik vermoed, zoo ik
niet spoedig van levenswijze verander.
O vreeselijke gedachte, als ik eens in
de hel moest branden, terwijl velen mij-
ner medezondaren in den hemel jubelen
wegens hunne boetvaardigheid.
Gestrenge Rechter, dien ik vergramd
heb, wees mij barmhartig! ik erken en
betreur het onrecht, dat ik U heb aan-
gedaan; ik weet, dat Gij het goed met
mij meent, want gelijk Gij tot aan-
moediging der deugdzamen den hemel
-ocr page 361-
na de Biecht.                  355
geschapen hebt tot een eeuwig loon
voor hunne kortstondige beproeving, zoo
schiept gij de hel om door hare eeuwig-
heid en afgrijselijkheden ons van de
doodzonden af te schrikken.
Wee mij lichtzinnige en ondankbare,
ik zondigde tegen den Hemel en tegen
U.......
Hoe straftet Gij Mirjam met de smar-
telijke en afzichtelijke melaatschheid,
omdat zij Mozes versmaad en gehoond
had; hoe straftet Gij Mozes wegens zijn
mistrouwen op uwe goedheid door dat
hij het beloofde land niet zou ingaan;
hoe straftet Gij Aza met een schielij-
ken dood, wijl hij tegen het verbod,
de ark des verbonds aanraakte om ze
in den val tegen te houden, en hoe
straftet Gij den sabbathschender met
de steeniging, ach hoe moet ik dan
niet vreezen wegens mijne doodzonden,
door u gestraft te worden!
Heer! ik verdien niet dat Gij mij
genadig zijt, noch mij uw kind noemt;
neen, ik verdiende oerder, dat Gij mij
even als de dwaze maagden, den rijken
vrek, en den ontrouwen knecht voor
eeuwig verwierpt, ja, dat zooals voor
-ocr page 362-
3 56              Gebeden voor en
Datan en Abiron, de aarde zich onder
mij opende om mij te verzwelgen.
Ach, welke droefheid moest ik nu
en voortaan gevoelen over mijne zon-
den, wanneer mij iets aan U en de
eeuwige vreugden des hemels indachtig
maakt.
O als ik mij uwe goedheid en liefde
herinner, die ik nu verloren heb, dan
durf ik van schaamte en droefheid niet
tot U opzien. Wie zal woorden aan
mijnen mond geven, en tranen aan mijne
oogen om dag en nacht mijne zouden
te beweenen. Hoe lang zal ik nog tus-
schen U en den satan wankelend blij-
ven en in het gevaar der eeuwige ellen-
de ronddwalen? Barmhartigheid, o mijn
Vader, geef mij weder een goed en
minnend kinderhart; mijn hart is in uwe
hand gelijk de deeg in de handen van
hem, die kneedt. O Heer Jezus, kom mij
te hulp, opdat mijne ongevoeligheid
jegens u verdwijne gelijk de sneeuw voor
de stralen der zon. Gij kent immers
mijn zuchten en klagen, Gij weet dat
ik nu zoo gaarne boetvaardigheid doen
wil, en gelijk Maria Magdalena uwe
voeten met tranen van berouw en liefde
-ocr page 363-
na de Biecht.                 357
wasschen zoude, om van U ook de
vertroostende woorden te hooren: 5 Uwe
zonden zijn u vergeven, wijl gij veel be-
mind hebt, ga in vrede."
Ach konde ik mijne zonden ongedaan
maken, gaarne zou ik daarvoor alle
geoorloofde genoegens dezer wereld op-
offeren ! Ach! konde ik u mijne onge-
trouwheid vergoeden! Moe smart het mij,
dat ik zulks niet kon, doch in mijn
binnenste is iets wat mij tot u trekt en
mij zegt dat gij mij niet wilt straffen,
maar vol medelijden mij wederom tot
uw kind zult aannemen. Gij verzekert
mij immers dat Gij mijn dood niet wilt,
maar mijne bekeering en mijn leven:
dat uwe barmhartigheid grooter is dan
alle zonden; en al waren zij rood als
scharlaken zij witter zullen worden dan
sneeuw.
Vol vertrouwen wil ik tot U naderen,
en in den H. Geest door U den Vader
kinderlijk beminnen. Ja, Heilige Geest,
toon het in mij, dat gelijk Gij den Va-
der en den Zoon in de liefde vereenigt,
Gij ook alle menschen tot de liefde
Gods geleidt, opdat ik in U den Vader
en den Zoon eeuwig beminnen moge.
-ocr page 364-
358                 Gebeden voor en
Hid intusschen de litanie van allo Heiligen
om een goed berouw te verkrijgen.
Voornemen.
*/J\\? Drieeenige God, zoo bemin ik u
S4M weder boven alles uit geheel mijn
hart; alleen wijl ik U bemin, spijt het
mij, dat ik U, mijn opperste goed, be-
leedigde, en uwe vriendschap verloor.
O! het verlies uwer liefde smart mij
meer dan wanneer ik de geheele wereld
verloor. W\'sl kan ook alle vriendschap,
vreugde, eer en rijkdom dezer wereld
mij baten, als ik uwe genade niet bezit?
Wat zal de wereld tegen mij kunnen,
als Gij met mij zijt? Daarom wil ik mij
verbeteren, kostte wat het wil r Uit liefde
tot U, neem ik mij vast voor, nooit
meer te zondigen, alle gelegenheden van
zonden te vermijden en over mijne
zonden boete te doen. Liever wil ik
sterven dan U weder ontrouw te wor-
den. Dit beloof ik U, beminnenswaar-
digste Vader, geef mij daartoe slechts
uwe genade door de verdiensten van
Jezus heilig Bloed: geef mij kracht en
sterkte om te volbrengen wat ik nu
vast besloten heb.
-ocr page 365-
na de Biecht.                 359
O Maria, kom mij te hulp; ik ben
in grooten nood: ik wil doen wat Jezus
bevolen heeft, toen Hij zeide: ga, ver-
toon tt den priester,
zoo help mij nu,
opdat de duivel mij niet gevangen houde:
daarom zal ik de zonden die mij het
moeielijkst vallen te biechten, het eerst
belijden om zoodoende den kop der
helsche slang te verpletteren. Bid ook
tot den H. Geest, dien Jezus den pries-
ters gezonden heeft, opdat Hij aan mijn
biechtvader een goed inzicht in den
toestand mijner ziel verleene, hem woor-
den van wijsheid en goeden raad in den
mond legge, om mij goed te bestieren
en te geleiden op den weg der deugd.
Bid ook uwen lieven zoon, opdat Hij
nu toone, dat Hem alle macht gegeven
is in den hemel en op aarde, door mij
mijne zonden te vergeven, de straffen
kwijt te schelden, en mijn hart geheel te
vernieuwen.
Goedertierend Hart van Maria laat
niet toe dat men zeggen kan: ik alleen
ben niet verhoord geworden bij U, bij wie
een ieder genade en zaligheid bekomen
heeft. Amen.
Is de tijd nog niet daar van den biechtstoel
-ocr page 366-
360              Gebeden, voor en
in te gaan, houd n zoolang bezig met liet gebed;
en wees niet ledig en ongeduldig; bid om ver-
schillende noodwendig!ieden of wel den Rozen-
krans, opdat Maria voor V de genade van een
grooter berouw verkrijge.
Nader vervolgens tot den priester vol eerbied
en ootmoedigheid, gelijk een misdadiger tot zijne
rechter: Wie de hel verdiend heeft, kan niet te
ootmoedig zijn.
>fa. de Biecht.
Dankzegging.
«SWSJ groote God! ik dank U uit geheel
j^j mijn hart voor de instelling van
het H. Sacrament der Biecht door Jezus
Christus, Uwen Zoon, en voor de ver-
geving der zonden door uwen plaats-
vervanger den priester. Ik geloof vas-
telijk, dat Gij de ontbinding der zonden
die de biechtvader uitgesproken heeft,
door de verdiensten van Jezus Christus
in den hemel bekrachtigt. De zonden
zijn mij daarom vergeven, afgewasschen
in het bloed van het goddelijk Lam.
O! hoe verlicht is nu mijn hart, de
-ocr page 367-
na de Biecht.                 361
storm der driften is gestild, in mijn
binnenste wordt het steeds rustiger, de
kalmte is in mijne ziel wedergekeerd:
ik gevoel mij met nieuwe kracht tot het
goede bezield. Nu erken ik de waar-
heid der woorden: God handelt niet
met ons volgens onze zonden, neen ge-
lijk een vader over zijne kinderen, ont-
fermt Hij zich over hen, die Hem vree-
zen; want van een voorwerp zijner
gramschap ben ik een kind Gods ge-
worden; en alle verdiensten mijner goede
werken, die ik door de zonden verloren
had, zijn mij wederom teruggegeven!
ü! welk een geluk voor mij; welk
eene vreugde heerscht nu in mijn hart!
mocht ik de uitwerkingen der Biecht
steeds hoogschatten, opdat zij mij meer
en meer tot U trekken, en mij hier op
aarde reeds een voorsmaak geven der
hemelsche zaligheid.
O goede God, ontvang dan mijn
innigsten dank; ik geef mij geheel en
al aan u over, altijd en overal zal mijne
ziel u loven en prijzen; zij zal nooit
vergeten, welke weldaden Gij haar be-
wezen hebt door Jezus Christus, onzen
Heer. Amen.
-ocr page 368-
362              Gebeden voor en
Voornemens voor de toekomst.
■i/j\\ mijn innig geliefde Jezus, oorsprong
y^J aller liefde, laat mij steeds meer
en meer uwe weldoende liefde onder-
vinden. O! hoe brand ik van verlangen
u altijd te bezitten, en uwe barmhartig-
heid eeuwig te loven, Gij die mij het
eerst bemindet, en geheel mijne liefde
verdient. Dewijl ik mij voorgenomen
heb liever te sterven dan U nog on-
trouw te worden, vernieuw ik nu nogmaals
mijne voornemens en als bewijs van
liefde beloof ik U, mij immer meer te
verbeteren. Ik wil dikwijls te biechten
gaan, om den toestand mijner ziel steeds
beter te kennen, en mijne fouten en
gebreken des te gemakkelijker uit te
roeien. Heb ik anderen door woorden
en werken tot het kwaad verleid, zoo
wil ik hen door goede gesprekken en
door het gebed van het kwaad trachten
af te trekken. Heb ik iemand in zijne
tijdelijke goederen of in zijnen goeden
naam benadeeld, ik wil alles herstellen
en vergoeden. Heb ik tegen iemand
haat gedragen, ik wil het onrecht, dat
hij mij aangedaan heeft, uit liefde tot
-ocr page 369-
na de Biecht.                 363
U vergeten; ik zal hem welgevallig zijn
en goed van hem spreken om vurige
kolen op zijn hoofd te vergaderen.
Ik wil voortaan alle gelegenheden van
personen, plaatsen of gezelschappen ver-
mijden, die voor mij een oorzaak van
bekoring waren; alles door uwe genade.
Ik onderwerp mij plechtig aan alle
geboden Gods en der Kerk, ik verzaak
aan den duivel, aan zijne lasten en lagen,
en wil nimmermeer zondigen, neen in
eeuwigheid geen zonde meer.
Het is mijn innigste verlangen den
verloren tijd met verdubbelden. ijver
door goede werken weder in te halen;
en in Maria, uwe zoete Moeder, U alleen,
o Jezus mijn Heer en mijn God, te be-
hagen. Geen tijdelijk goed, geen men-
schelijk opzicht zal in staat zijn op
mijnen goeden wil inbreuk te maken;
niets ter wereld zal mij van mijne goede
voornemens afbrengen; God heeft ze in
mijne ziel geplant en onder de bescher-
ming van Maria zullen zij tot een schoo-
nen boom des levens opgroeien, die
door den genadendauw van Jezus\' heilig
bloed bevochtigd, honderdvoudige vruch-
ten zal voortbrengen.
-ocr page 370-
364              Gebeden voor en
Daarom wil ik deze vaste voornemens
van heden dagelijks herhalen, en zoo
trachten te volbrengen, dat zij mij eene
gewoonte worden, en dat mijn levens-
wandel voortaan toone, wat uwe genade
in welmeenende zielen vermag. Zoo
geschiede het door Maria! Amen.
Is de penitentie dadelijk te volbrengen, verricht
ze dan, terwijl gij nog in de kerk zijt, dewijl het
verdienstelijker is, als zij met ijver gedaan wortlt.
Opoffering der boete.
ÜJpk dank U, o heilige Geest, die mij
%|j gelijk in het H. Doopsel nu door het
H. Sacrament der boete geheiligd hebt.
Zegen mij met uwe zeven gaven, daar
ik volgens den geest der H. Kerk de
boete volbrengen wil die mij door den
biechtvader is opgelegd, en zoo van
mijnen kant tot voldoening mijner zon-
den aanvulle wat aan Jezus\' lijden voor
mij nog ontbreekt, terwijl echter deze
boete eigenlijk den geest van boetvaar-
digheid in mij opwekken moest wil ik
mij bij deze boetedoening vrijwillig deze
andere N. nog opleggen; en tot uitboe-
-ocr page 371-
na de Biecht.                 365
ting van mijne hoofdzonde wil ik uit
liefde tot Jezus en Maria dit goed werk
N. nog volbrengen.
Versterk mij daardoor tegen het her-
vallen in de zonden; bevrijd mij van
alle kwade neigingen en zondige begeer-
lijkheid, en leer mij door ontzegging van
geoorloofde zaken het ongeoorloofde
gemakkelijker overwinnen, en geef mij
daartoe den goeden geest, die voor de
boetvaardigheid zoo noodig is.
I )aar ik echter in en door Jezus slechts
voldoen kan voor mijne zonden, offer
ik U op, o allerheiligste Drievuldigheid,
zijn oneindige voldoeningen, opdat mijne
boetedoening verdienstelijk, U welgeval-
lig zij, en mij een schat in den hemel
verwerve. Amen.
Dankzegging aan Maria.
^J&k dank U, o verhevene koningin
SjR Maria, voor alle genaden, die gij
mij nu bij God verkregen hebt. ü won-
der! ik ben nu weder een beschermeling
van uw moedeihart. Ik bid u dan drin-
gend, voleind mijne heiliging die gij in
mij begonnen hebt. Help mij in het
-ocr page 372-
366 Gebeden voor en na de Biecht.
ééne noodzakelijke, mijn zieleheil, voor-
taan ijveriger en met volharding te be-
werken.
Als ik door uwe voorspraak slechts
heilig worde, dan mag God met mij
handelen gelijk het Hem behaagt. Laat
mij overal en altijd uwe moederlijke be-
scherming gevoelen; ja, als eerste be-
wijs uwer goedheid verwerf mij de
genade, dat het een waar genoegen voor
mij zij dagelijks te bidden: * Maria geef
dat ik mijnen lieven Jezus steeds aan-
genamer en getrouwer worde." Verleen
ook door deze heilige biecht aan de
arme zielen in het vagevuur eenig voor-
deel vooral aan hen, voor wie ik bij-
zonder gehouden ben te bidden, opdat
gelijk ik van de zonden ontbonden ben
zij ook van hunne straften ontslagen
worden. Daartoe wil ik heden een goed
werk verrichten, en een gebed storten
waaraan een aflaat voor rle geloovige
zielen verleend is. O, heilige Moeder
Maria, offer deze beide voor hen aan
de allerheiligste Drievuldigheid op, door
uwen Zoon Jezus Christus, onzen Heer,
Amen.
-ocr page 373-
Gf % 8 i} 1) i$ >f
uDDt{ en na h g. poramnniF.
Eerste voorbereiding tot de II. Communie.
Christen ziel! het heiligste en genaderijkste
oogenblik van uw leven is dat, waarop gij de
H. Communie ontvangt. Alle vruchten en gena-
den der II. Communie hangen af van de wijze,
waarop gij dit groote werk verricht. Bereid u
daarom met alle mogelijke zorgvuldigheid voor,
dan zal de H. Communie voorn zijn: Het leven
der ziel, het geneesmiddel tegen de zonde, het
zegel der voorbeschikking.
Nader echter dikwerf tot de II. Tafel, zoo dik-
wijls als de biechtvader het u veroorlooft. Leef
evenwel zóó, üat gij dagelijks communiceeren
kunt, zoo spreekt de groote H. Augusttmis; zoo
verlangt het de katholieke Kerk. De werkelijke
en de geestelijke Communie is voorn liet krach-
tigste middel om tot de innigste liefde van Jezus
en Maria te geraken.
-ocr page 374-
368             Gebeden voor en
Aanbidding en liefde.
féÊS& groote God! Heer van hemel en
J^gfl aarde, Eén in Wezen, Drievuldig
in Personen, wien hemel en aarde aan-
bidden, en de koren der hemelsche
geesten voortdurend: Heilig heilig, heilig
toeroepen, ik aanbid u!
Ik aanbid u, Heer Jezus Christus,
waarachtig God, en waarachtig mensch
en erken, dat Gij mijn schepper, mijn
verlosser, mijn laatste doel en einde zijt.
Dewijl echter mijne aanbidding te
nietig en te onwaardig is, offer ik U
de aanbidding van het goddelijk Hart
van Jezus in het allerheiligste Sacrament
des Altaars op; en in vereeniging niet
deze aanbidding offer ik U op de aan-
bidding van de allerzaligste maagd
Maria, van alle Engelen en Heiligen
des hemels, en van alle geloovigen op
aarde. Tegelijkertijd, o mijn hoogste
God, betuig ik U mijne liefde. Ik be-
min U uit geheel mijn hart, uit geheel
mijne ziel, uit al mijne krachten; ik
wil U altijd boven alles beminnen.
(J! dat ik U toch beminnen konde,
gelijk Gij verdient bemind te worden,
-ocr page 375-
na de H. Communie.           369
maar ach! hoe onvolmaakt is mijne
liefde! O mijn God, zie echter neder
op mijn verlangen u innig te beminnen.
Ter aanvulling van datgene wat aan
mijne liefde ontbreekt, offer ik U de
liefde op van het goddelijk Hart van
Jezus, de liefde van Maria, de allerza-
ligste moeder Gods, de liefde van alle
Engelen en uitverkorenen, en van alle
minnende zielen.
Leedwezen en betrouwen.
$?HS|jcaar! o groote God, hoe is het toch
\'WÉL mogelijk, dat Gij in uwe liefde
en goedheid jegens mij, arme zondaar,
zoo ver gaat, dat Uw eeniggeboren Zoon
Jezus, door de H. Communie in mijn
hart komen, dat de oneindige heiligheid
in een zondig mensch zijn intrek nemen
wil?
O mijn Jezus, mijn God en Heiland,
mijne ellende is U niet onbekend; Gij
zijt immers niet gekomen voor de recht-
vaardigen; maar om de zondaars te be-
keeren en te zoeken wat verloren was.
Door uwe intrede in het huis van
Zacheus, is dien mensch heil wederva-
24
-ocr page 376-
37°             Gebeden voor en
ren; Gij hebt ook Petrus na zijnen zon-
denval barmhartig opgenomen; Gij hebt
aan de boetvaardige Magdalena zoovele
zonden vergeven; Gij hebt den moorde-
naar aan het kruis het Paradijs beloofd,
toen hij U om genade bad. Uwe barm-
hartigheid en liefde jegens deze zondaars
geeft mij moed, met betrouwen en leed-
wezen over mijne zonden tot U te na-
deren. Zie, o mijn Zaligmaker, ik be-
treur het van ganscher harte U ooit
beleedigd te hebben. O! hoe gaarne zou
ik bloed en leven geven, indien ik mijne
zonden daardoor ongedaan kon maken.
Ach, was mijn hart zoo bedroefd over
mijne zonden als uw Goddelijk Hart in
den hof van Olijven; bezat ik het be-
rouw van een heiligen Petrus, eene hei-
lige Magdalena en van alle heilige boet-
vaardigen! Neen, mijn Jezus ! nooit meer
wil ik U beleedigen! Geen zonde, geen
doodzonde meer! Ach, laat mij liever
op dit oogenblik sterven clan nog ooit
in eene doodzonde toe te stemmen.
O mijn Jezus! Gij ziet in mijn hart
de oprechtheid van mijn berouw en
voornemen van mijn betrouwen, dat
enkel en alleen op uwe oneindige goed-
-ocr page 377-
na de H. Communie.            371
heid en barmhartigheid steunt, en op
uw kostbaar Bloed dat Gij voor mij
vergoten hebt. O fleer! ik ben niet
waardig, dat Gij komt onder mijn dak,
maar spreek slechts één woord en mijne
ziel zal gezond worden !
Smeekgebed.
jjr^iefdevolle Jezus, ik bid U door de
^LSl liefde van uw goddelijk Hart, maak
mij waardig om TJ naar behooren te
ontvangen in de H. Communie; Gij al-
leen kunt mijne ziel van alle zonden en
vlekken reinigen, verrijk en versier haar,
door uwe boven alles verhevene godheid,
met alle soorten van deugden, en bereid
haar door de kracht dier liefde, welke
de hoogste godheid met uwen mensche-
lijke natuur vereenigd heeft, met alle
gaven uwer genade op het beste voor,
tot uwe heilige komst in ons hart.
Gebed van de H. Gerlrvdis tol de
Moeder Gods.
^/§| allerzuiverste Maagd Maria! ik bid
y^l U door Uwe onbevlekte onschuld
-ocr page 378-
372             Gebeden voor en
en reinheid, waardoor gij den Zoon
Gods een e welgevallige woonplaats in
uw maagdelijk lichaam bereid hebt, dat
ik door uwe voorspraak van alle vlek-
ken moge gezuiverd worden. Amen.
ü allerootmoedigste Maagd Maria, ik
bid U door uwe diepe ootmoedigheid,
waardoor gij verdiend hebt boven alle
koren der Engelen en Heiligen verheven
te worden, dat door uwe voorspraak al
mijne nalatigheden uitgewischt worden.
Amen.
O allerliefderijkste Maagd Maria, ik
bid IJ door uwe onbegrensde liefde, die
U onafscheidelijk met God vereenigd
heeft, dat mijne armoede door den schat
uwer liefde moge verdwijnen. Amen.
ü Gij, heilige Engelen, Aartsengelen,
Cherubijnen en Seraphijnen, alle koren
der zalige geesten, Patriarchen en Pro-
feten, Apostelen, Martelaren, Belijders,
Maagden en Weduwen, mijne heilige
Patronen, alle uitverkorenen Gods! bidt
allen voor mij, opdat ik mijn Heer en
Zaligmaker, tot zijne eer, tot nut der
lijdende en strijdende Kerk, en tot mijn
eigen heil waardig moge ontvangen.
Amen.
-ocr page 379-
na de H. Communie.            373
Verlangen.
^(i$\\ duizendmaal gewenschte Jezus!
y^gl Zie, het oogenblik nadert, dat ik
U, mijn God, in mijne ziel ga ontvan-
gen. Zie, mijn beminnenswaardigste Je-
zus, met de hoogstmogelijke godsvrucht
en eerbied kom ik tot U en ga U te
gemoet. Gelijk gij uwe doorboorde han-
den uitstrekt om mij, armen zondaar,
op te nemen, zoo bied ik ook U niet
alleen mijne handen aan, maar ook mijn
hart en mijne ziel om U te ontvangen
en in het binnenste van mijn hart te
geleiden.
Ware mijne ziel zoo zuiver en rein,
gelijk zij het eenmaal in haar leven
was; o! hadde ik toch eene zoo groote
godsvrucht en liefde, gelijk die met
welke de Heiligen, U in hun leven ont-
vangen hebben.
O! konde ik U met zulke godsvrucht
en liefde ontvangen, gelijk uwe heilige
Moeder U in de menschwording, en
later in het allerheiligste Sacrament ont-
vangen heeft!
O! bezat ik toch uw eigen allerhei-
ligst en goddelijk Hart, opdat ik U
-ocr page 380-
374            Gebeden voor en
daarin op eene wijze ontvangen kan,
gelijk gij het verdient.
Om mijne ziel waardig voor te be-
reiden, om mijne onwaardigheid weg te
nemen, al mijne fouten en zonden uit
te wisschen, offer ik U op, o lieve
Jezus ! de voorbereiding, de aandacht en
godsvrucht, waarmede alle Heiligen,
vooral uwe allerzaligste Moeder U in dit
Sacrament ontvangen hebben.
Ik offer U op, zoetste Jezus! uw aller-
waardigste Hart, en alle hemelsche deug-
den en genaden die de H. Drievuldig-
heid daarin nedergelegd heeft, opdat
daarmede de afgrond mijner ellende en
onwaardigheid aangevuld, en voor U in
mijn hart eene waardige en welgevallige
woonplaats bereid worde.
Uitnoodiging.
^O zoetste Jezus! die zelf gezegd hebt:
j^jgg t> Mijne vreugde is het^ bij de kin-
deren der menschen te zijn."
Mijn hart
en mijne ziel verlangen naar U, gelijk
een dorstend hert naar eene frissche
waterbron.
Ik noodig U daarom uit, met die
-ocr page 381-
na de H. Communie.             375
godsvrucht en liefde, waarmede ooit
eene minnende ziel 11 uitgenoodigd heeft.
O kom dan, beminde, goddelijke Brui-
degom mijner ziel! kom en treed bin-
nen in de armen woning mijner ziel!
Kom, o goddelijke Geneesheer, en genees
mijne kranke ziel! Kom, dierbare Vriend !
ea verrijk mijne arme ziel met den schat
uwer genaden. Kom, o liefelijke Zon,
en verlicht mij in mijne duisternis! Kom,
gij levend Hemelsbrood, en stil mijnen
honger! Kom, o Jezus, en houd met
mij het avondmaal in de woning van
mijn hart.
C) mijne eenige hoop en toeverlaat,
mijne eenige liefde! ik ben van het
vurigste verlangen naar U vervult, en
verwacht U met de innigste liefde.
O schoonste der menschenkinderen,
o Bron van overvloeiende zoetheid!
O glans van het eeuwige licht! Ach,
kom tot mij, en versmaad uwen armen
dienaar niet, die zoozeer verlangt naar
het gastmaal uwer liefde!
O zoetste Jezus! ik bid u door de
kracht van alle gebeden en begeerten
die ooit uit uw heilig Hart zijn voort-
-ocr page 382-
376                Gebeden voor en
gekomen, gewaardig U in de arme
woonplaats van mijn hart te komen.
Als gij tot de H. Tafel nadert, zeg dnn, wat
Christus eens ann de H. Gertrudis geleerd heeft.
Nu, lieve Jezus! kom ik, uw zondig
arm en onwaardig schepsel tot U, over-
vloeiende afgrond aller goedheid, opdct
ik van alle zonden gereinigd en reet
uwe genade versierd worde. Amen.
Als gij aan de 11. Tafel gezeten zijt, bid niet
meer met den mond, doeh spreek en wel met het
hart deze of dergelijke verzuchtingen.
Kom, mijn lieve Jezus! en heilig
mijne ziel o, allerliefste Jezus! geef dat
ik u waardig ontvangen moge!
Als gij de H. Hostie ontvangen hebt, zeg in
uw hart :
Wees gegroet, mijn Jezus, mijn ge-
liefde Bruidegom! Geloofd en geprezen
zij uwe zoete intrede in mij, uw arm
schepsel. Wees mij duizendmaal welkom,
mijn God en mijn al!
-ocr page 383-
na de H. Communie.           377
JVfcL de ö. doii]n(iii}ie.
Daar Jezus Christus na de H. Communie zoo-
lang bij ons blijft als de gedaante van brood
aanwezig is, zoo maak u, christene ziel, de kost-
bare oogenblikken zijner tegenwoordigheid ten
nutte, en onderhoud u met Jezus door een le-
vendig geloof.
Geen gebed is (Jode aangenamer, dan hetwelk
men als dankzegging na de H. Communie ver-
richt. Neem ook niet te spoedig het kerkboek
ter hand, maar laat uw hart met uwen godde-
lijken Bruidegom spreken. Wees niet bekommerd
over de woorden, die gij spreken zult; want de
Heer ziet voor alles op ons hart, op onzen goe-
den wil; Hij weet, wat gij Hem zeggen wilt, als
&ij ook geen woorden vindt, om Hem uwe be-
wondering, uwe aanbidding, uwe heilige vreugde,
uwe liefde, uwen dank en opoffering aan te bie-
den; vergeet ook niet in deze heilige oogenblik-
ken Hem uwe bijzondere gebeden voor u zelven
en voor anderen aan te bieden, en spreek het
volgende:
GebaL
*%£& allerzoetste Heer Jezus Christus!
j^gH ik loof, prijs en verheerlijk U in
vereeniging met de hemelsche glorie
der allerheiligste Drievuldigheid, die uw
\'
-ocr page 384-
378               Gebeden voor en
eigen glorie is, en die van daar uitvloeit
in uwe gezegende menschheid en in
uwe glorierijke moeder, gelijk in alle
Engelen en Heiligen: die van hier weder
terugstroomt in den oneindigen afgrond
der Godheid, van waar zij oorspronke-
lijk is uitgegaan.
In vereeniging met alle schepselen
dank ik u voor de liefde, waarmede Gij
mij heden bezocht, en waarin Gij mij
met uw allerheiligste Vleesch en Bloed
gespijsd en gedrenkt hebt. Geprezen
zij uwe milde goedertierenheid, waar-
mede gij U gewaardigd hebt heden in
de arme en onwaardige woning van
mijn hart te treden, en er uwe woon-
plaats te vestigen. Geprezen zij uwe
goedheid en liefde, waarmede Gij heden
bij het nuttigen van uw allerheiligste
Vleesch en Bloed in mijn hart gekomen
zijt, en mij met U vereenigd hebt. Wat
zal ik U wedergeven, o dierbare Jezus!
voor deze groote liefde en genade? Hoe
zal ik u naar waarde danken voor deze
onuitsprekelijke weldaad en barmhartig-
heid? Waarlijk, hemel en aarde zijn
niet in staat U naar waarde te vergel-
den en te danken! Al zoude ik U ook
-ocr page 385-
na de H. Commnnie.          379
duizende malen danken dan zou ik
daarmede nog niet het geringste deel
uwer goedheid vergelden kunnen. Zoo
ik ook mijn lichaam en mijne ziel uit
liefde tot u opofferde, dan zou ik U
daarmede nog niet genoegzaam danken.
Daarom bid ik U, alle Engelen en
Heiligen, looft en verheerlijkt met mij
mijnen Jezus, en bewijst Hem met mij
waardige eer en dankbaarheid. Laten
wij voor den troon Zijner majesteit ne-
derknielen, en met vereenigde stemmen
Hem loven: Heilig, Heilig, Heilig zijt
Gij, Heer God van Sabaoth! Lof en
eer U, heilige, onsterfelijke en sterke
God! wij loven en prijzen, wij aanbid-
den en danken U, om uwe groote glorie
en heerlijkheid, en wegens de liefde,
waarmede Gij het allerheiligste Sacra-
ment hebt ingesteld, tot troost, en sterkte
en verkwikking van onze arme, zwakke
zielen. Amen.
Godvruchtige verzuchtingen.
k heb Hem gevonden, dien mijne
ziel bemint, ik wil Hem vasthouden
en niet laten gaan, voor dat hij mij ge-
-ocr page 386-
380             Gebeden voor en
zegend heeft! Ik omarm U en druk U
aan mijn hart, lieve Jezus! Gij zijt de
schat mijns harten, in wien ik alles be-
zit. Gij zijt mijn Koning, vergeet dan
niet hoe ellendig en nietswaardig ik ben!
Gij zijt mijn Rechter, zie niet op de
grootheid mijner zonden, en ontferm u
mijner! Gij zijt de almachtige Genees-
heer, maak mij gezond en sterk mijne
zwakheid! Gij zijt de Beminde mijner
ziel, geef dat zij voor eeuwig u blijve
beminnen! Gij zijt mijn Geleider en
mijn Steun; als Gij met mij zijt, wie
zal dan iets tegen mij vermogen. Gij
zijt een offer voor mij geworden, zie ik
draag mij aan u op als een offer van
aanbidding. Gij zijt mijn Verlosser, red
mijne ziel van de straffen der hel, en
spaar mij in de eeuwigheid! Gij zijt
mijn God en mijn al! Wat heb ik in
den hemel, wat wensch ik op aarde
buiten U, Gij de Beminde mijns harten
en mijn aandeel in de eeuwigheid. Amen.
Gebed van den H. Ignatius.
^i^iel van Christus, heilig mij.
-jfeï Lichaam van Christus, verlos mij.
-ocr page 387-
na de H. Communie.           381
Bloed van Christus, verzadig mij.
Water van Christus\' zijde, wasch mij.
Lijden van Christus, sterk mij.
O goede Jezus, verhoor mij.
In uwe wonden verberg mij.
Laat mij nimmer van U scheiden.
Bescherm mij tegen den boozen geest.
Sta mij bij in mijn doodsuur.
En laat mij dan tot U komen.
Opdat ik met alle heiligen U love
in eeuwigheid. Amen.
Ieder mnal 300 dagen aflaat: Na de II. Com-
munie voor allen en voor de Priesters na de
II. Mis een aflaat vnn 7 jaren: allen, die de ge-
woonte hebben het dagelijks te bidden, kunnen
eenmaal in den maand een vollen aflaat verdie-
nen op een (lag naar verkiezing na gebiecht,
gecommuniceerd, en gebeden te hebben tot in-
tentie van zijne Heiligheid den raus. (Pius IX,
deer. van 9 Jan. 1854.)
Gebed van den H. Bonavcntura.
\'V^V; zoete Jezus! verwond het binnen-
)$£#, ste mijns harten met de zoetste
en heilzaamste wonde uwer liefde, en
met eene ware, zuivere, apostolische en
heilige naasteliefde.
Geef, dat ik altijd slechts naar u
verlange, dat ik gaarne in uwe tegen-
-ocr page 388-
382             Gebeden voor en
woordigheid verblijve, dat ik wensche
ontbonden te worden om met U te zijn.
Geef, dat mijne ziel hongere naar U,
o Brood der Engelen, verkwikking der
heilige zielen, ons dagelijksch, bovenna-
tuurlijk brood, dat alle zoetheid in zich
bevat, dat de Engelen verlangen te
aanschouwen.
Maak, dat ik steeds naar u dorste
o bron des levens, der wijsheid, der
wetenschap en des eeuwigen lichts, stroom
der genaden in het huis Gods! U alleen
wil ik zoeken, naar U alleen verlangen,
tot U komen, U beschouwen, van U
spreken: o geef dat ik U vinde, laat
mij in ootmoedigheid, liefde en volhar-
ding tot den dood alles tot uwe eer en
glorie alleen verrichten! Wees gij alleen
mijne hoop, mijn heil, mijn toeverlaat,
mijn schat, mijn genoegen, mijne vreug-
de, en blijdschap, mijne vrede, mijne
rust, mijne zoetheid, mijne spijs, mijne
verkwikking, mijne toevlucht, mijne
hulp, mijne wijsheid, mijn aandeel, mijn
troost, o goddelijke Heiland; dat mijn
geest en mijn hart in leven en in ster-
ven onbewegelijk in U bevestigd zijn.
Amen,
-ocr page 389-
na de H. Communie.           383
Gebed van den H. Thomas.
£Rtk dank U, o almogende Vader en
\'■*;]& eeuwige God, dat gij mij een zon-
daar en den onwaardigste uwer diena-
ren gespijzigd hebt met het heilig Lichaam
en het kostbaar Bloed van uwen eeni-
gen Zoon onzen Heer Jezus Christus.
Dat deze mijne Communie door uwe
oogen geen nieuwe strafbare misdaad
zij, maar een beweegreden tot goeder-
tierenheid en vergeving, dat zij strekke
tot uitroering mijner ondeugden, tot
vermeerdering mijner oprechte liefde,
tot nauwere vereeniging met U, tot
standvastige trouw aan uwe goddelijke
genade. Het behage U eindelijk, o Va-
der die in de hemelen zijt, mij een-
maal ook den hemel binnen te leiden,
en mij te doen aanzitten aan het eeu-
wige feestmaal, waar Gij zelf met uwen
Zoon en uwen heiligen Geest, den uit-
verkorenen het ware licht, de opperste
troost, de eeuwige vreugde, de volmaak-
ste gelukzaligheid zijt in alle eeuwen
der eeuwen!
Jezus en Maria, mijne zoete liefde,
laat mij voor U lijden, laat mij voor U
-ocr page 390-
384               Gebeden voor en
sterven; laat mij geheel aan U en niet
aan mij zijn! Geloofd zij Jezus Christus
in zijn heilig Sacrament!
Gezegend zij de H. Maagd Maria
onbevlekt ontvangen!
Schietgebeden.
1.  Ik verzaak aan de genoegens dezer
aarde, om U te behagen, o mijn God!
2.   Ach! Jezus, die U niet bemint,
kent U niet!
3.  Neem weg, o Heer, de hinderpa-
len, die mij beletten u van ganscher
harte te beminnen.
Grondregels.
1.  God schenkt zijne genaden over-
vloedig aan hen, die ze benuttigen.
2.   God onttrekt zijne genaden aan
hen, die ze misbruiken.
3.  Op de verachting van Gods heilig
woord volgt een vreeselij k stilzwijgen,
en na misbruikte hemelsche verlichtin-
gen, heeft men niets te wachten dan
akelige duisternissen.
-ocr page 391-
na de H. Communie.           385
Laatste gebed.
füE&ie, o goede Jezus, nu heb ik het
JJO groote werk verricht, en U in de
H. Communie ontvangen. Ik bid U
echter, vergeef mij dat ik zoo nalatig
en zoo weinig aandachtig geweest ben,
en U zoo onwaardig ontvangen heb.
Ach, laat deze H. Communie niet tot
mijne veroordeeling, maar tot mijne
zaligheid strekken. Ik beveel ze u aan,
met alle gebeden en verzuchtingen, die
ik daarbij gedaan heb, en sluit ze in
uw allerzoetste Hart, met de ootmoe-
dige bede, dat Gij door uw allerheiligst
Hart mijne nalatigheid vergoeden, mijne
godsvrucht vermeerderen, en Haar zoo
in vereeniging met uw goddelijk Hart
aan uwen hemelschen Vader wilt op-
offeren.
Bewaar voor mij in uw goddelijk
Hart gelijk eene zorgvuldige moeder,
alle verdiensten en genaden welke Gij
in uwe milde goedheid bereid zijt aan
mij te geven, opdat ik mij haar niet
onwaardig make en ze verlieze door
mijne zonden en nalatigheid.
In vereeniging met uwe allerzuiverste
as
-ocr page 392-
386               Gebeden voor en
en heiligste ledematen en zintuigen, be-
veel ik U mijnen mond, mijne tong,
mijne oogen, mijn hart en al mijne
ledematen vooral die welke uw heilig
Sacrament genuttigd hebben of er mede
in aanraking geweest zijn.
Zegen dezelve, bid ik U, opdat zij
heden en alle dagen mijns levens voor
zonden bewaard blijven; dat ik ze voor-
taan niet gebruike moge dan tot uwe
verheerlijking en glorie, en alleen uit
liefde tot U.
C) lieve Jezus! die heden mijne arme
ziel met uw allerheiligste Bloed gewas-
schen en gereinigd hebt, laat toch niet
toe, dat zij door zonden ooit weder ont-
heiligd en besmeurd worde.
Nogmaals offer ik U op mijn lichaam
en mijne ziel, mijne gedachten, woor-
den en werken, mijn hart en alles wat
ik ben en bezit.
Ik geef mij zoo aan U over, dat Gij
over mij en over alles wat ik heb, vol-
gens uw welgevallen beschikken moogt;
sta mij slechts bij in mijne wederwaar-
digheden, en help mij, o mijn Jezus om
U voortaan beter te dienen dan ik tot
hiertoe gedaan heb. Gij weet hoe we-
-ocr page 393-
na de H. Communie.            387
reldschgezind, en hoe ijdel ik nog ben;
hoe ik nog tot gramschap en ongeduld
geneigd ben, hoe onaandachtig in het
gebed, hoe onstandvastig in het goede,
hoe dikwijls ik nog in zonden en onvol-
maaktheden val.
Daarom klaag ik U mijn nood, o Je-
zus, en met een oprecht vertrouwen leg
ik U mijn toestand bloot; ik bid U
door de liefde, die U heeft aangezet
in mijn zondig hart te komen: ontferm
U mijner en kom mij in mijne ellende
te hulp.
Bij de liefde van uw allerheiligste
Hart bezweer ik U, wees mij na mijnen
dood een genadige rechter: herinner U
dan, o mijn Jezus, hoe menigmaal Gij
in mijn hart gewoond hebt, neem Gij
mij ook op in uwe eeuwige woning, en
verblijd mij voor eeuwig door uw aan-
biddeïijk aanschijn. Amen.
-ocr page 394-
r|»»W«VtV«f« »ViVaVÏTiVaViYaViV«ViV»wiVt>V<VtVi\'aVV
Jlnta gnfrrjrtirpp npfenitigen
onnr &e jp. pommtmiF
ter eerc tan bet
H. Hart van Maria.
—■&*»•«—
Vóór de H. Communie.
^ipiot u roep ik, o heilige Moeder Gods,
C?dx Moeder van mijnen Heer Jezus
Christus, dien mijne ziel verlangt te
ontvangen — moeder aller christenen
die in het tranendal tot u verzuchten.
Sta mij bij, o milde voorspreekster
der zielen die Jezus beminnen, en na
zich met Hem vereenigd te hebben in
de H. Communie in liefde ontvlammen;
o milde en goedertierene Maagd, open
uwe vrijgevige handen, versier mijn naakt
en koud hart met uwe wonderbare deug-
den, en bereid het tot een aangename
woning waarin de Eeniggeborene en
beminde uws harten gaarne verblijf houdt.
-ocr page 395-
de H. Communie.               389
O uitverkorene Dochter des eeuwigen
Vaders, die dengene, wien de hemelen
niet kunnen bevatten, in uw kuischen
schoot gedragen hebt, wat hoog verheven
toonbeeld zijt gij voor alle zielen, die
dezen zoon des Allerhoogsten in de
H. Communie ontvangen. In Hem, uwen
Heer en God alleen, hebt Gij alle dagen
uws levens beleefd; uwe voorbereiding
tot het goddelijk moederschap was een
zoo deugdrijke en maagdelijke levenswan-
del, dat Gij reeds vol van genade des
H. Geestes waart, toen Gij Hem in uw
zuiver lichaam ontvingt. En zoo is uw
overig leven na de ontvangenis in eene
voortdurende dankzegging en altijd aan-
groeiende heiligheid voorbijgegaan.
En zie, o goddelijke Moeder van
mijnen Heer. nauwelijks kan ik mij ge-
durende een zoo korten tijd tot de
H. Communie voorbereiden; en niet zoo
spoedig heb ik de H. Communie ont-
vangen, of ik geef mij over aan ijdele
en wereldsche verstrooidheden.
Ach, in zuchten en klagen moet ik
de vervlogen jaren mijns levens betreu-
ren, en wegens mijne groote lichtzinnig-
heid moet ik voor de toekomst vreezen.
-ocr page 396-
390                 Gebeden voor
Voorwaar ellendig ben ik, arm en
naakt aan alle deugden. In het bewustzijn
mijner nietswaardigheid kniel ik voor
uwe heilige voeten neder, o wonderbare
Maagd! om u ootmoedig te smeeken,
dat Gij mij heden als eene liefhebbende
moeder bijstaat, en mij leert, hoe ik
Jezus ontvangen moet, Dien Gij het
eerste van allen van den H. Geest ont-
vangen, en tot onze onuitsprekelijke
vreugde, tot ons heil en onze verlossing
gebaard hebt; hetzelfde lichaam van
mijnen Heer en God, moet ik heden
ontvangen, moet ik dragen, om in mijne
ziel geboren te worden.
ü Moeder der barmhartigheid! toon
u heden voor mij als eene moeder,
versier mijn hart met uwe zuiverheid,
met uw levendig en vast geloof, met
uwe diepe ootmoedigheid, met uwe
standvastigheid in het lijden, met uwe
engelachtige godsvrucht en liefde, opdat
ik uwen goddelijken Zoon waardig in
mijne ziel ontvange, voor Wiens eer uw
moederhart zoozeer brandt, en tot Wien
wij door u toegang hebben, o deur des
hemels, toevlucht der zondaren, en Ko-
ningin der uitverkorenen!
-ocr page 397-
na de H. Communie.            391
En Gij, o mijn goddelijke Heiland!
Geef acht op het gebed uwer geliefde
Moeder, en geef mij door hare machtige
voorbede, wat ik door mij zelf niet
hebben kan, dat ik u met groot ver-
langen, met godsvrucht en liefde ont-
vange, en tot aan het einde mijns levens
getrouw in mijn hart drage. Amen.
Na de H. Communie.
*4/gÉ Jezus, Zoon der allerheiligste en
j^| verhevene Maagd! ik bid U met
ootmoed en alle vurigheid des harten,
ontferm u mijner, o mijn Verlosser, ter
wille uwer glorierijke, maagdelijke moe-
der, door wie Gij U gewaardigd hebt
tot ons neder te dalen. Ik offer u alle
godsvrucht, alle liefde en aanbidding
van haar minnend hart op, hare voor-
spraak voor ons zondaars, al het lijden
harer ziel die door het zwaard van
droefheid doorstoken werd, en de on-
uitsprekelijke vreugde der hemelsche
glorie, waar zij thans U eeuwig aanbidt,
bemint en verheerlijkt.
O Maria, onze middelares! Zie, aan
dit hoogheilig gastmaal ontbreekt het
-ocr page 398-
392               Gebeden voor en
mij aan den wijn der godsvrucht, die
de heilige zielen in verrukking brengt.
O spreek slechts één woord en Jezus
zal mij verhooren; want nooit of nim-
mer heeft Hij U, zijne hooggebenedijde
Moeder, eene bede geweigerd. Gezegen-
de maagd! die het beste deel verkozen
hebt, dat u nooit zal ontnomen worden,
ook ik wil dat deel verkiezen maar ach!
ik moet evenwel vreezen, dat het mij
wegens mijne groote lauwheid zal ont-
nomen, en dengenen gegeven worden
die overvloed aan goede werken hebben.
Daarom roep ik tot u, o barmhartige
moeder verkrijg mij de genade der gods-
vrucht en standvastige volharding tot
aan het einde mijns levens.
ü Jezus! met Maria wil ik aan uwe
voeten zitten, en de zoete woorden des
heils uit uwen mond vernemen: want
Gij, o levend Woord des Vaders, Gij
alleen bezit de woorden des eeuwigen
levens.
ü, doordring mijn hart met uwe be-
zielende woorden, dat zij daarin wortel
schieten, en zich openbaren in heilige
werken.
Vervul mijn hart met eene verbor-
-ocr page 399-
na de H. Communie.            393
gene liefde die al uwe heilige inspraken
bewaart en nakomt met eenen heiligen
ijver voor uwe goddelijke eer, opdat
ik met Maria\'s innige godsvrucht Mar-
tha\'s zorgvolle werkzaamheid vereenige
en niet bekommerd over vele zaken,
alleen het eenig noodzakelijke voor
oogen hebbe; ik zal het woord ter harte
nemen dat uwe wonderbare Moeder bij
het bruiloftsmaal tot de dienstknechten
sprak en ook mij heden toespreekt: ïdoet
1 alles wat Hij u zeggen zal."
Want zalig is de schoot die U gedra-
gen heeft, zalig zijn de borsten die Gij
gezogen hebt; doch niet minder geluk-
kig zijn zij die het woord Gods aan-
hooren en hetzelve bewaren.
O mijn Heiland! verleen mij, uw
onwaardig schepsel, door uwe hooghei-
lige vereeniging met mij, en door de
krachtige voorspraak mijner hemelsche
Koningin, uwe maagdelijke Moeder, die
tweevoudige gelukzaligheid, dat ik vol-
gens de woorden des Apostels, U, mijn
God, voortdurend in mijn lichaam drage,
en zoo uw heilig woord in vervulling
brenge, opdat ik na dit leven de vreug-
devolle woorden verneme: »Welaan
-ocr page 400-
394               Gebeden voor en
goede en getrouwe knecht, treed binnen
in de vreugden des Meeren"
en daar
met Maria en geheel het henielsch hof,
u eeuwig love en prijze. Amen.
Gebed tot het M. Mart van Maria om
ons en de M. Kerk onder hare
bescherming te stellen.
ffjsRft zoet Hart van Maria, hart der
}J^| Moeder Gods en onzer moeder!
Voorwerp van welbehagen der aanbid-
denswaardigste Drievuldigheid, en aller
liefde en vereering van menschen en
Engelen waardig!
U Hart dat het Hart van Jezus het
meest evennaart wiens volmaakst even-
beeld gij zijt; hart vol goedheid en innig
medelijden met onze ellende, o gewaar-
dig u, onze koude en versteende harten
te verwarmen en te bewegen, en maak,
dat zij vernieuwd en geheiligd worden
in het hart van onzen goddelijken Ver-
losser. Stort er de liefde tot uwe deugden
in, en ontvlam in hen het heilig vuur,
waarmede Gij alleen bezield zijt. Waak
over de Kerk Gods, bescherm haar, en
wees haar steeds eene zoete toevlucht,
-ocr page 401-
na de H. Communie.            395
en eene onoverwinnelijke vesting tegen
de aanvallen harer vijanden, wees gij
onze weg die tot Jezus leidt, en het
kanaal, waardoor ons alle genaden toe-
vloeien, die wij tot ons heil noodig
hebben, wees onze hulp in onzen nood,
onze troost in de bekoringen; onze toe-
vlucht in vervolgingen; onze bijstand in
gevaren, bijzonder echter in den laatsten
strijd onzes levens, in het uur des doods,
wanneer de gansche hel zal opstaan om
onze ziel in het verderf te storten.
Ach, verlaat ons niet in dat vreese-
lijk en schrikwekkend oogenblik, waar-
van de gansche eeuwigheid afhangt.
Laat ons dan, o barmhartige Maagd!
ondervinden, hoe teeder uw moederlijk
hart jegens ons is, en wat Gij vermoogt
op het H. Hart van Jezus, door ons bij
die bron van barmhartigheid eene zekere
toevluchtsplaats te bereiden, opdat wij
hem in alle eeuwigheid in den hemel
mogen aanbidden. Amen.
-ocr page 402-
je_5e.3Pj«jt3e_?e_9t3t3c:Jtje.5;.*-i ** •■- ■- *■* •<• .\'■-■ •■ utjie..?* ■\'•*.
V««» «VÏ«V¥ï¥«« «¥VW¥¥¥
Q e b e d e q
onder de
->§^H. MIS.-#-
Jvrrsff manier om &p J). §\\i& U havta Uv
tm btv
alltrjaligsff ftyaagb Jtyaria.
VOORBEREIDINGSGEBED.
)lmachtige, eeuwige God! met den
diepsten ootmoed, met den vuri-
gen wensch, U op waardige wijze
(" te verheerlijken, offer ik U deze
lï. Mis op, welke Uw geliefde Zoon
Jezus Christus in het laatste avondmaal
ingesteld, en aan den boom des kruises
op bloedige wijze heeft opgedragen.
Deze offerande breng ik U door de
handen des priesters, in vereeniging met
-ocr page 403-
de H. Mis.                   397
het bloedig offer des kruises en tot ge-
dachtenis aan dit heilig verzoeningsoffer.
Dezen Uwen geliefden Zoon, tegelijk
onze ware offergave en onzen hooge-
priester, draag ik op aan uwe Eeuwige
Majesteit; door Hem aanbid ik U als
mijn Heer en God, door Hem zeg ik
oneindig dank aan U, mijn Schepper en
liefdevollen weldoener; door Hem smeek
ik U om vergiffenis mijner zonden en
der zonden en misdaden van alle men-
schen; door Hem bid ik U om genade
en bijstand in alle aangelegenheden naar
ziel en lichaam, en daar Gij Maria, de
allerreinste Maagd, aan Hem tot moeder
gegeven hebt, door wier medewerking
het geheim onzer verlossing werd vol-
trokken, zoo smeek ik U, de gebeden,
die ik U door bemiddeling dier hoog-
gebenedijde Maagd opdraag, genadig te
verhooren en aan te nemen.
O Maria, Moeder der barmhartigheid,
tot U neem ik, arme zondaar, mijne
toevlucht. Gelijk gij eenmaal onder het
kruis stond van uw stervenden Zoon en
uwe gebeden roet de zijne vereenigdet
tot heil der menschheid, zoo sta ook
mij bij in dit heilig oogenblik, ontvlam
-ocr page 404-
398                Gebeden onder
mijne godsvrucht, ondersteun mijne
zwakke gebeden door uwe machtige
voorspraak, opdat ik door U bij God
genade vinde, Hem met U op waardige
wijze love en verheerlijke en door U
aan de oneindige verdiensten van uwen
Zoon deelachtig worde. Amen.
Als de Priester aan den voet van liet altaar de
H. Mis begint, maakt dan het h. krnistceken,
overdenk in \'t kort uwe zonden, verwek daarna
een akte van berouw; stel u onder de beseher-
ming van Maria, en bid om vergeving, zeggende:
Ik belijd voor God almachtig, voor
de allerheiligste Maagd Maria, den hei-
ligen Aartsengel Michael, denH.Johan-
nes den Dooper, de H. Apostelen Petrus
en Paulus en alle Heiligen, en voor u,
broeders, dat ik zeer gezondigd heb
met gedachten, woorden en werken, door
mijne schuld, door mijne schuld, door
mijne allergrootste schuld. Daarom smeek
ik de allerheiligste Maagd Maria, den
H. Aartsengel Michael, den H.Johannes
den Dooper, de H. Apostelen Petrus en
Paulus, alle Heiligen en u broeders, voor
mij bij God, den Heer te bidden.
De almachtige God ontferme zich
over ons, vergeve ons onze schulden, en
-ocr page 405-
de H. Mis.                    399
geleide ons ten eeuwigen leven. Amen.
Barmhartigheid, kwijtschelding en ver-
geving onzer zonden, verleen ons de
almachtige en goedertierene Heer. Amen.
O God, Vader der barmhartigheid,
groot en talloos zijn onze zonden en
misdaden, waardoor wij uwe oneindige
goedheid en majesteit beleedigd hebben,
doch nog grooter is uwe liefde en barm-
hartigheid jegens ons, zondaars.
Handel niet met ons volgens onze
zonden, maar als Vader neem ons ge-
nadig op, en verontschuldig ons ter wille
van Jezus, Uwen Zoon, en der voorspraak
der allerzaligste Maagd Maria. Amen.
Heilige Maagd Maria, goede moeder,
Gij hebt door uwe heiligheid en deugd
genade gevonden bij God; bid voor ons,
opdat wij ook bij Hem genade vinden,
en van alle kwaad naar ziel en lichaam
bevrijd worden. Amen.
Heer, ontferm U onzer!
Heer, ontferm U onzer!
Heer, ontferm U onzer!
Christus, ontferm U onzer!]
Christus, ontferm U onzer!
Christus, ontferm U onzer!
Heer, ontferm U onzer!
-ocr page 406-
4<x>                 Gebeden onder
Heer, ontferm U onzer!
Heer, ontferm U onzer!
GLORIA.
Zalig zijt gij, en alle eer waardig, o
Maria, gebenedijd onder de vrouwen,
die gebaard hebt Dengene, die u ge-
schapen heeft, Dien de engelen des he-
mels dienen en loven, Dien alle schep-
selen prijzen en verheerlijken, Dien wij
aanbidden en danken als den Heer aller
machten, Jezus Christus, den Eenigge-
boren Zoon des Vaders, den Koning
des hemels, het Lam Gods, dat weg-
neemt de zonden der wereld, die alleen
heilig is, alleen de Allerhoogste met den
H. Geest in de heerlijkheid des Vaders.
Hem zij lof en glorie, eer en aanbidding
van eeuwen tot eeuwen. Amen.
COT.T.ECTE EN EPISTEL.
Wij bidden U, o Heer, bescherm deze
vergadering door de voorspraak der za-
ligste en heiligste Maagd Maria tegen
alle wederwaardigheid en bevrijd haar,
die van ganscher harte hier voor U
-ocr page 407-
de H. Mis.
401
nedergeknield en onderworpen is, van
alle lagen der vijanden door Christus
Onzen Heer. Amen.
Wij bidden U, o Heer, onze God,
verleen aan uwe dienaren volkomene
gezondheid naar ziel en naar lichaam,
en door de glorierijke tusschenkomst der
zalige en maagdelijke Moeder Gods
Maria, bevrijd ons uit de ballingschap
dezer aarde, en maak ons deelachtig
aan de eeuwige vreugden des hemels,
door Christus, Onzen Heer. Amen.
O God, Gij zijt altijd dezelfde Geest
van waarheid, heiligheid en gerechtig-
heid: gelijk Gij in het oude verbond
door de Profeten gesproken hebt, zoo
spreekt Gij nu tot ons door uwe H. Kerk
aan wie gij zelf de waarheid hebt me-
degedeeld. Eeuwige dank zij U voor
de heilzame leer, die Gij ons door de
leeraars uwer Kerk hebt doen toekomen.
O, dat wij altijd in het geloof stand-
vastig blijven! Dat wij altijd ons levend
geloof in heilige werken toonen, en
overeenkomstig het geloof leven. Wij.
bidden U om deze genade door de
voorspraak van Maria, die door hare
standvastigheid en door haar volhardend
26
-ocr page 408-
402                Gebeden onder
vertrouwen bij U genade gevonden en
voor de gansche wereld verkregen heeft.
Laat ons, o God naar haar voorbeeld
handelen, en door hare voorspraak aan
de genade des heils deelachtig worden,
die voor ons verdiend heeft Jezus Chris-
tus, uw en haar zoon, onze Heer, die
met U leeft en regeert in eeuwigheid.
Amen.
HET EVANGELIE.
O Jezus Christus, mijn God en mijn
Verlosser, Gij zijt het licht, dat gekomen
is om de duisternissen te verlichten.
Alle heiligen en rechtvaardigen des
Ouden Verbonds, van het begin der
wereld af, hebben naar U verlangd, op
U hunne hoop gesteld, en in die hoop
genade en heil gevonden. Door Maria
de reinste der maagden zijt Gij in de
wereld gekomen. Zij, door U verlicht,
door de Engelen onderwezen, heeft U
voor alle anderen gekend, en U waar-
lijk boven alles bemind. Zij heeft al
uwe leeringen in haar hart bewaard,
en op de volmaakste wijze nageleefd.
O, mochten wij U zoo levendig erken-
-ocr page 409-
de H. Mis.
4°3
nen zoo vast aan U gelooven, zoo innig
U beminnen en zoo getrouw U dienen,
gelijk zij het gedaan heeft! Geef ons
deze genaden, o aanbiddelijke verlosser,
wij bidden er U om door de verdien-
sten en voorspraak van Maria, en door
de kinderlijke liefde, die Gij steeds uwe
Moeder getoond hebt. Wisch o Heer, onze
zonden uit, door de woorden van het
heilig Evangelie, en laat ons, als kin-
deren des lichts, voor U leven. Amen.
CREDO.
Herinner U, o glorierijke Maagd en
Moeder Maria, welke vreugde uw hart
ondervond, toen de heilige Driekonin-
gen, uit het verre Oosten kwamen, en
door het ware geloof verlicht, uw Kind
als hunnen Heer en God aanbaden, en
Hem offers brachten; ik bid U door
deze vreugde, verkrijg mij bij uwen
goddelijken Zoon de genade in het ware
geloof standvastig te volharden, uwen
lieven Zoon als mijn Heer en God te
aanbidden, als mijnen eeuwigen Koning
en Rechter te vreezen en te eeren, als
mijn Zaligmaker en Verlosser zonder
-ocr page 410-
404                Gebeden onder
ophouden te erkennen en van ganscher
harte te beminnen, opdat ik gelijk Gij,
na een geloovig en ootmoedig leven op
aarde, Hem eens in den hemel van aan-
schijn tot aanschijn aanschouwen en mij
eeuwig met U in Zijne glorie moge ver-
heugen. Amen.
Ik geloof in God den Vader, almach-
tigen Schepper van hemel en aarde en
in Jezus Christus Zijnen eeniggeboren
Zoon onzen Heer, die ontvangen is van
den H. Geest, geboren uit de Maagd
Maria, die geleden heeft onder Pontius
Pilatus, is gekruist, gestorven en be-
graven; die nedergedaald is ter helle,
ten derden dage verrezen van de doo-
den; die opgeklommen is ten hemel, zit
aan de rechterhand Gods Zijns Vaders
almachtig, van daar zal Hij komen oor-
deelen de levenden en de dooden.
Ik geloof in den H. Geest, de heilige
katholieke kerk, gemeenschap der hei-
ligen, vergiffenis der zonden, verrijzenis
des vleesches, en het eeuwig leven. Amen.
OFFERANDE.
Zie genadig neder, o Heer, heilige
-ocr page 411-
de H. Mis.                    405
Vader, op de offerande des priesters,
gelijk Gij welgevallig nedergezien hebt
op de offergaven, die uwe maagdelijke
Moeder met haar geliefd Kind, uwen
eeniggeboren zoon, U in den tempel
heeft gebracht; maak ons hart gelijk-
vormig aan haar allerzuiverste Hart,
opdat wij U in ootmoedigheid mogen
behagen; heilig deze offerande van brood
en wijn, opdat zij door het geheim der
liefde, veranderd worden in het Vleesch
en Bloed van Hem, die zich gewaar-
digd heeft door Maria aan U in den
tempel te willen opgeofferd worden, die
het heil is voor het aanschijn aller vol-
keren, het licht tot verlichting der hei-
denen, en tot verheerlijking van uw volk.
O Maria, getrouwe Maagd en Moeder,
Gij hebt uwen eeniggeboren Zoon Jezus
Christus in den tempel opgeofferd, als
het ware verzoeningsoffer, waardoor de
zonden der wereld uitgewischt en de
menschen wederom van God in genade
zijn opgenomen. Welken dank zijn wij
U niet schuldig voor uwe heldhaftige
liefde tot ons, o goede Moeder. Gij
hebt zooveel voor ons gedaan, vergeet
ons ook verder niet, verzoen ons met
-ocr page 412-
4o6                Gebeden onder
uwen zoon, vertoon ons aan uwen zoon.
Offer hem op onze harten, opdat zij
slechts Hem beminnen den geliefden
Zoon des Vaders en U, zijne liefde-
waardige Moeder.
Ofter Hem ons verstand, en laat ons
Hem immer beter kennen, die de wijs-
heid is des Vaders. Offer Hem ons
geheugen, opdat wij geen oogenblik de
liefde vergeten, die zich in Hem ge-
openbaar heeft.
Offer Hem onzen wil, want wij ver-
langen niets vuriger dan ons zelve ge-
heel en al te verloochenen, om Hem
te verheerlijken en stipt te vervullen wat
Hem aangenaam en welgevallig is. Niet
onze wil, maar de wil van Jezus Christus
geschiede in ons en door ons. Bid voor
ons, o goede moeder, opdat deze offer-
ande Hem welgevallig zij, en door de
verdiensten van het bloedig offer des
kruises ons alle genaden verwerve, die
voor het welzijn van ziel en lichaam
noodzakelijk zijn. Verkrijg ons in het
bijzonder de genade, dat wij naar uw
voorbeeld God trouw dienen, Hem steeds
gehoorzamen, in al ons doen en laten
zijne meerdere eer zoeken, en op den
-ocr page 413-
de H. Mis.                   407
weg zijner geboden volharden, tot aan
het einde van ons leven. Amen.
PREFATIE.
Het is billijk, rechtmatig en heilzaam
dat wij te allen tijde en op alle plaatsen
U dankbaar prijzen, heilige Heer, al-
machtige Vader, eeuwige God, en dat
wij bij dit feestelijk aandenken der za-
ligste Maagd Maria U loven, zegenen
en verheerlijken. Want Zij heeft door
de werking van den H. Geest uwen
eeniggeboren Zoon ontvangen, en zon-
der hare maagdelijkheid te kwetsen, aan
de wereld het eeuwige Licht geschon-
ken, Jezus Christus, onzen Heer, door
Wïen de Engelen Uwe Majesteit loven,
de Vorsten des hemels U aanbidden, de
Machten voor U sidderen, de hemelen,
en de Krachten der hemelen, en de
zalige Seraphijn met eenstemmige blijd-
schap U loven.
Wij bidden U, laat ook onze stemmen
niet de hunnen tot U doordringen, die
U smeeken, belijden en toeroepen: Hei-
lig, heilig, heilig is de Heer, God van
Sabaoth! Hemel en aarde zijn vol van
-ocr page 414-
408                Gebeden onder
uwe heerlijkheid! Hosanna in den Hooge!
Gezegend Hij, die komt in den naam
des Heeren! Hosanna in den Hooge.
CANON.
God, hemelsche Vader! die uwen
eeniggeboren Zoon tot heil der wereld
hebt overgeleverd, laat ons de gedach-
tenis van zijn lijden en dood waardig
vieren, en aan zijne oneindige verdien-
sten deelachtig worden.
Stort uwe zegeningen uit over de
offers van het brood en den wijn, die
wij U op het altaar, door de handen
des priesters opdragen. Laat hen U wel-
gevallig zijn, opdat zij door uwe almacht
en liefde in het Lichaam en Bloed van
Tezus Christus veranderd worden, tot
uwe hoogste eer, tot verheerlijking van
Maria, de allerzaligste Maagd van ge-
heel het hemelsch hof, en tot ons eeu-
wig heil.
Gedenk, o Heer, uwe heilige Kerk,
waarvoor uw Zoon Jezus Christus zijn
kostbaar Bloed vergoten heeft, en be-
scherm en heilig haar door uwen altijd-
durenden bijstand.
-ocr page 415-
de H. Mis.                   409
Gedenk ook alle oversten en dienaren
der Kerk en vervul hen met uwen geest,
opdat zij met woorden en daden uwen
naam voor de menschen altijd meer en
meer verheerlijken.
Gedenk nog in het bijzonder uwen
Stedehouder op aarde, onzen heiligen
Vader N., onzen Bisschop N. en alle
geestelijke en wereldlijke overheden.
Gedenk ook mijne ouders, broeders
en zuster, mijne weldoeners, bekenden,
mijne vrienden en vijanden, eindelijk
allen, voor wie ik mij voorgenomen
heb\' te bidden, en die zich in mijne
gebeden hebben aanbevolen, of voor
wie ik verplicht ben te bidden.
Laat ons allen, o Heer, uwe genade
deelachtig worden; voor allen immers
hebt Gij uwen geliefden Zoon overge-
leverd. Laat uwe liefde aan ons niet te
vergeefs bewezen zijn; maar handel met
ons volgens uwe oneindige barmhartig-
heid, opdat wij verlost worden van
onze zonden, in rust en vrede u dienen
en eindelijk het eeuwig leven vinden.
Door Christus onzen Heer. Amen.
O Maria, moeder der genade, sta ons
bij in dit gewichtig oogenblik waarop
-ocr page 416-
4io                Gebeden onder
Jezus, uw Zoon op dit altaar tot ons
zal nederdalen. Bid voor ons, o heilige
Moeder Gods, opdat wij waardig wor-
den, met diepen eerbied Hem te aan-
bidden, onze oprechte hulde te brengen,
te loven en te prijzen met alle koren
der Engelen, Hem van ganscher harte
te beminnen, met zijne liefde bezield te
worden, en daarin te volharden tot het
einde van ons leven. Amen.
CONSECRATIE.
Wees gegroet, waarachtig Lichaam
van mijnen Verlosser, geboren uit de
Maagd Maria. O Jezus! mijne liefde,
gij zijt mijn Heer en mijn God, ontferm
U mijner! Ik aanbid U hier onder de
gedaante des broods. Ik geloof in U,
wijl gij de eeuwige waarheid zijt, ver-
sterk mijn geloof, opdat ik geloovende
u altijd vuriger beminne. Laat mij U
eens van aanschijn tot aanschijn aan-
schouwen in het rijk der eeuwige heer-
lijkheid: want Gij zijt mijn eenig ver-
langen, mijne eenige blijdschap, mijne
eenige zaligheid, mijn Jezus en mijn
alles. Amen.
-ocr page 417-
de H. Mis.                    411
BIJ HET OPHEFFEN VAN DEN KELK.
Allerheiligste Bloed, gevloeid uit het
hart van mijn Heiland, reinig mij van
al mijne zonden: verkwik mijne ziel,
opdat zij sterk zij in het goede: heilig
mij in de waarheid en in de liefde, en
bewaar mijne ziel ten eeuwigen leven.
Schep in mij, o Jezus, een zuiver
hart, en vernieuw den rechten geest in
mijn binnenste.
Verwerp mij niet voor uw aanschijn,
en neem den H. Geest niet van mij weg.
Geef mij de vreugde uws heils weder
en versterk mij met uwen geest.
NA DE CONSECRATIE.
Eeuwige Vader, zie genadig neder op
het aanschijn van uw Zoon Jezus Chris-
tus, die zich hier op het altaar als
verzoeningsoffer aanbiedt tot vergeving
onzer zonden. Neem dit offer van zijn
Vleesch en Bloed genadig aan en ont-
ferm U over ons en alle geloovigen
wegens de verdiensten van zijn bitter
lijden, van zijne verrijzenis, en zijne
glorierijke hemelvaart. Aanhoor de stem
-ocr page 418-
412               Gebeden onder
van zijn smeeken: zijn bloed roept tot
U veel luider dan het bloed van den
onschuldigen Abel, en het roept niet
om wraak, maar om genade en verzoening.
Gewaardig U, het gebed van uwen
Zoon te verhooren, en om zijnentwille
ons barmhartigheid te bewijzen. Laat
dit heilig onbevlekte offer U welgeval-
lig zijn, opdat wij allen, die aan dit
heilig offer deelnemen, met alle hemel-
schen zegeningen en genaden vervuld
worden door denzelfden Christus, onzen
Heer. Amen.
Gedenk, ook, o Heer, uwe dienaren
en dienaressen die ons met het teeken
des geloofs zijn voorgegaan en in vrede
rusten (noem hier de afgestorvenen, voor
wie gij bidden wilt.) Verleen, o God,
dat deze en allen, die in Christus ge-
storven zijn, tot de plaats des vredes
en des lichts en tot het genot der eeuwige
zaligheid gemken mogen, door denzelf-
den Christus onzen Heer. Amen.
Maak ook ons, zondaars, uwe diena-
ren, die vertrouwen op de grootheid
uwer barmhartigheid, deelachtig aan het
gezelschap uwer Heiligen, voornamelijk
echter van de allerheiligste maagd Maria
-ocr page 419-
de H. Mis.                    413
wier aandenken wij vieren, op wier
voorspraak bij U wij groot vertrouwen
stellen, en wier gebed U steeds welge-
vallig is. Help ons door hare bemidde-
ling, opdat wij onder hare bescherming
van alle kwaad bevrijd, in deugd en
heiligheid ons leven doorbrengen, en
eens in haar gezelschap en dat van
alle Heiligen de eeuwige zaligheid be-
zitten en genieten mogen. Amen.
PATER NOSTER.
Onze Vader, die in de hemelen zijt,
geheilig zij Uw naam, ons toekome Uw
rijk, Uw wil geschiede op aarde als in
den hemel, geef ons heden ons dage-
lijksch brood, en vergeef ons onze schul-
den, gelijk wij vergeven onze schulde-
naren, en leid ons niet in bekoring,
maar verlost ons van den kwade. Amen.
Mijn God en Vader! dit alles wat ik
door deze zeven beden van het Onze
Vader, aan U gevraagd heb, geschiede
tot uwe eer door de verdiensten van
uwen Zoon Jezus, amen; het geschiede
geheel volgens uw welbehagen, gelijk
uwe vaderlijke zorg weet, dal het tot heil
mijner ziel verstrekke.
-ocr page 420-
414                Gebeden onder
Wees gegroet, Maria, vol van genade
de Heer is met U, gezegend zijt Gij
boven alle vrouwen en gezegend is de
vrucht uws lichaams Jezus. — Heilige
Maria, Moeder Gods, bid voor ons,
zondaars, nu en in het uur van onzen
dood. Amen.
O Maria, verlaat mij niet, bid voor
mij bij God, bij uwen goddelijken Zoon
mijnen Heer en mijnen eeuwige Rechter.
Aan uwe bescherming, aan uwe voor-
spraak beveel ik mij heden en alle dagen
mijns levens, o goedertierene, o mach-
tige Maagd Maria. Amen.
Heer Jezus Christus! O mocht ik een
hart bezitten zoo rein en zoo heilig als
dat uwer maagdelijke Moeder, om U
waardig te ontvangen en in mij te laten
wonen. Ik ken mijne onwaardigheid,
maar ik ken ook Uwe oneindige goed-
heid en liefde, en daarop steunende,
kom ik tot u, en bid U met diepe oot-
moedigheid, sluit mij niet uit van uw
heilig gastmaal, laat mij deelnemen aan
de nuttiging van uw heilig Lichaam en
Bloed, laat mij door deze hemelsche
spijs gesterkt, met U zoo vereenigd
worden, dat ik in alle eeuwigheid niet
-ocr page 421-
de H. Mis.
415
meer van U gescheiden worde. Amen.
DE H. COMMUNIE.
Als gij niet werkelijk communiceert, verricht dan
de geestelijke communie en zeg niet den priester:
O Heer, ik ben niet waardig dat gij
komt onder mijn dak, maar spreek
slechts één woord en mijne ziel zal ge-
zond worden. (Driemaal.)
O Jezus, hoe zoet, hoe genadig en
liefdevol zijt Gij voor hen, die U van
ganscher harte zoeken ? Hoe aangenaam
zijt Gij voor hen, die U beminnen en
bezitten. Ik weet, dat mijne zonden
mij beletten deze hemelsche spijs in
werkelijkheid te nuttigen: maar Gij weet
ook, o mijn Jezus, dat ik U bemin,
of ten minste verlang U te beminnen,
gelijk het dorstig hert naar eene frissche
waterbron. Weiger mij dan de kruimels
niet die van deze heilige tafel vallen.
En al ben ik ook niet waardig, dat gij
in mijne ziel komt, zoo spreek slechts
één woord van genade en ik zal naar
lichaam en ziel gezond worden.
Reinig mij van al mijne zonden, ge-
nees al mijne zonden, sterk mijne zwak-
-ocr page 422-
4l6                Gebeden onder
heid, vernieuw en verlevendig mijn geest
door uwe genade; geef mij kracht om
het kwaad te overwinnen, het goede te
beoefenen en in de volmaaktheid van
mijn staat dagelijks vorderingen te ma-
ken; dat ik in waarheid kunne zeggen:
Ik Zeef, doch niet ik, maar Christus
leeft in mij.
ZIEL VAN CHRISTUS HEILIG Mij!
O verhevene Maagd en Moeder Gods
Maria! die waardig zijt bevonden ge-
worden denzelfden verlosser der wereld,
die zich onder de gedaanten van brood
en wijn als de spijs onzer zielen aan-
biedt, in uwen maagdelijken schoot te
dragen, en aan de wereld te schenken;
verkrijg ons, dat ook wij waardig wor-
den, Jezus in ons hart te ontvangen en
te bewaren. O beminnenswaardigste moe-
der, dank uwen Zoon voor ons, heb
medelijden met onze ellende en maak ons
door uwe verdiensten minder onwaar-
dig Jezus te ontvangen, lïid voor ons,
opdat wij door U aan de volheid der
genaden deelnemen, die in dit Sacra-
ment verborgen is. Verkrijg voor ons
-ocr page 423-
de H. Mis.
417
een vast geloof, een kinderlijk vertrou-
wen, eene vurige liefde, de ware oot-
moedigheid des harten, de gehoorzaam-
heid van wil en verstand, eene vlekkelooze
reinheid naar lichaam en ziel, een leven-
digen afschuw van alle kwaad, en eene
vurigen ijver voor alle goed: opdat wij
in ons leven Jezus verheerlijken, in alle
bezigheden Jezus zoeken, en eindelijk
Jezus vinden en bezitten in alle eeuwig-
heid. Amen.
NA DE H. COMMUNIE.
O, barmhartige God, kom onze zwak-
heid genadig te hulp, opdat wij door
de voorspraak der H. Moeder Gods,
wier gedachtenis wij vieren, uit onze
zonden en misdaden opstaan, om U
in een nieuw leven te dienen, door
Christus onzen Heer. Amen.
ITE, MISSA EST.
Laat u, o allerheiligste Drievuldighied
de volbrachte offerande van den pries-
ter welgevallig zijn, die wij met hem U
hebben opgedragen, en neem ze gena-
27
-ocr page 424-
418                Gebeden onder
dig aan, opdat zij ons en allen voor
wie wij ze opgedragen hebben tot ver-
zoening en tot heil strekke, door Chris-
tus, onzen Heer. Amen.
Zegene ons de almachtige God de
Vader, f de Zoon f en de H. Geest f-
Amen.
HET LAATSTE EVANGELIE.
O Jezus, Eeuwig woord des Vaders,
uit liefde tot ons zijt Gij uit de maagd
Maria geboren om ons te verlossen en
zalig te maken. Gij kwaamt in de wereld
als het ware licht om den weg des
heils en des eeuwigen levens te toonen.
Geleid ons op al onze wegen, opdat
de duisternissen ons niet overvallen, en
in dwaling brengen. Geleid ons op den
weg uwer geboden, opdat wij heilig
leven en zalig sterven. Amen.
NA JJE H. MIS.
Goede God! ik dank U dat gij mij
aan deze heilige offerande hebt laten
deelnemen. Vergeef mij alle fouten en
onvolmaaktheden van lauwheid en ver-
-ocr page 425-
de H. Mis.                    419
strooidheid, die ik daarbij begaan heb.
Ik maak het vaste voornemen geen
zonden meer te bedrijven, en in al mijne
gedachten, woorden en werken zoo be-
hoedzaam te zijn, dat ik de vruchten
v an dit heilig misoffer niet verlieze; zegen
mij, almachtige God en Vader, in mijn
arbeid, opdat ik hem met een zuivere
meening, tot uwe meerdere eer en naar
uw welhagen verrichte.
Laat mij altijd met U vereenigd blij-
ven, opdat al mijne ondernemingen door
U gezegend, geheiligd en gelukkig vol-
trokken worden.
O Maria, mijne toevlucht en troosteres
dank met mij den Heer voor de genaden,
die ik genoten heb, en smeek Hem,
dat ik de vruchten der verlossing nooit
verlieze. Toon dat Gij waarlijk mijne
moeder zijt, en beveel mij aan Jezus
uwen goddelijken Zoon, opdat Hij zich
over mij ontferme, mij altijd en overal
bescherme, en ik nooit iets anders zoeke,
dan uwe meerdere eer en uwe verheer-
lijking. Amen.
Eere zij den Vader, den Zoon en den
H. Geest: gelijk het was in het begin,
nu en altijd en in alle eeuwigheid. Amen.
-ocr page 426-
42o               Gebeden onder
Lof en eer zij ook aan de Koningin
des hemels en alle lieve Engelen en
Heiligen. Amen.
Tmffbf ntantfF om te Jj?. f^is ff hoorrn fer
tm ter smarfoolle tflaiter öobfi.
BIJ HKT BEGIN DER H. MIS.
anbiddenswaardige God, ik ver-
schijn voor uwen troon, en wacht
met ongeduld het oogenblik af,
waarop Jezus de goddelijke Hoo-
gepriester het verzoeningsoffer op het
altaar voltrekt, en ons door het bijwo-
nen dezer heilige offerande ook aan zijne
verdiensten laat deelachtig worden.
O God, ik wil met innige godsvrucht
dit heilig offer bijwonen, want in en
door Jezus hebt Gij ons alles gegeven,
wat ons eeuwig gelukzalig maakt.
Maar, o liefdevolle God! ik ben on-
waardig hier te verschijnen, want ik ben
een zondaar.
-ocr page 427-
de H. Mis.
421
Ik belijd voor U, dat ik dikwijls en
zwaar gezondigd heb. Vol vertrouwen
echter op de verdiensten van mijnen
Verlosser, klop ik op mijne borst en
roep tot U: O God! wees mij, arme
zondaar, genadig.
Eeuwige God, neem dit H. Misoffer
met welgevallen aan, tot uwen lof en
uwe verheerlijking, als ook ter vereering
der allerzuiverste maagd en Moeder van
Jezus, die Gij voor allen hebt uitverkoren
om de gezegendste onder de vrouwen,
maar ook de smartvolste onder de moe-
ders te zijn.
Verleen, o Heer, dat ik haar lijden
met eerbied gedenke, en aan de ver-
diensten van Jezus\' lijden deelachtig
worde.
Heilige Maria! ach, tot welke smar-
ten heeft God U bestemd, toen Hij U
tot zijne moeder uitverkoos. De engel
groette u als vol van genade, en toch
gingen uwe levensdagen in armoede,
kommer en smarten voorbij. Eene zee
van bitterheid werd eertijds over U uit-
gegoten, toen de vrome Simeon tot u
de woorden richtte: » moeder! een zwaard
van droefheid zal uw hart doorboren."
-ocr page 428-
422                Gebeden onder
Ach, deze voorzegging werd in U ge-
heel vervuld. Doch thans zijt Gij de
gelukzaligste: want Gij hebt zonder te
sterven, door stille overweging aan de be-
schikkingen Gods, den palm van het
martelaarschap verworven. Bid voor mij
o liefdevolle moeder, dat ik in al mijn
lijden, standvastig op God vertrouwend,
van alle kleinwaardigheid bevrijd blijve
door Jezus Christus onzen Heer. Amen.
GLORIA.
Eere zij God in den hooge, en vrede
op aarde aan de menschen van goeden
wille. O God! ik vereenig mijn gebed
met den lofzang der Engelen te Bethle-
hem. Met u, hemelsche geesten, aanbid
ik in eerbiedige bewondering het ge-
heim der menschwording van mijnen
Heiland, Jezus Christus.
Heilige Maiia, Moeder Gods, ik her-
inner U aan die vreugde, waarmede
gij voor de eerste maal den mensch-
geworden Zoon Gods aan uw moeder-
lijk hart druktet; ik herinner U echter
ook aan die smart, die Gij ondervondt
bij de besnijdenis van uw Kind en de
-ocr page 429-
de H. Mis.
423
voorzegging van Simeon. Bid voor mij hei-
ligste aller moeders, opdat mijn gansche
levensloop een voortdurende verheerlij-
king weze van God, mijnen Heer. Amen.
COLLECTE.
Almachtige God! reinig onze harten,
en stem ons gemoed tot godsvrucht,
opdat wij met den priester vereenigd,
den kruisdood van onzen Verlosser op
het altaar waardig herdenken en ver-
nieuwen. Verleen, dat wij met innige
vereering aan de smartvolle moeder van
onzen Heiland indachtig zijn, wier hart
met vreeselij ken angst vervuld werd, toen
Herodes het Kind zocht te dooden. Ik
aanbid U met diepen eerbied in dit
groot geheim, o wonderbare God! en
offer U allen kommer, alle bittere zor-
gen op die de heiligste moeder op de
droevige vlucht naar Egypte geleden
heeft. Laat ons, uwe dienaren en diena-
ressen, door de voorspraak der maag-
delijke moeder uws Zoons van tijdelijke
wederwaardigheden bevrijd, en eens in
het genot der eeuwige vreugden zalig
worden, door Jezus Christus, onzen
Heer. Amen.
-ocr page 430-
424                Gebeden onder
EPISTEL.
Les uit het boek Judith. VIII, 22-25.
De Heer heeft U gezegend door zijne
kracht; want door U heeft Hij onze vij-
anden vernietigd. Gezegend zijt Gij,
o dochter! van den Heer die hemel
en aarde geschapen heeft; want heden
heeft hij uwen naam zoo verheerlijkt,
dat alle menschen U altijd zullen zalig
prijzen, Gij hebt niet gevreesd uw leven
te offeren, om de slavernij en verdruk-
king van uw volk te verwijderen, en
Gij hebt het bevrijd van den ondergang
voor het aanschijn van onzen God.
STABAT MATER.
Schreiend naast het kruis gebogen
Stond de moeder, diep bewogen,
Daar de zoon doornageld hing,
En haar in \'t verzuchtend harte
Krimpende van wee en smartJ
\'t zevenvoudig slagzwaard ging.
O hoe droevig, hoe vol rouwe,
Was die zegenrijke vrouwe,
Om Gods eengeboren Zoon;
Ach, hoe streed zij! ach, hoe kreet zij,
En wat folteringen leed zij,
Bij des Reinsten smaad en hoon.
-ocr page 431-
de H. Mis.                    425
o Wie kan zijn tranen houèn,
Bij het vreeselijk aanschouwen
Hoe haar boezem openrijt?
Wie kan zonder mee te weenen
Christus moeder, hooren steenen,
Daar zij met haar zone lijdt?
Ach, voor uw en mijne zonden,
Zag zij Jezus dus doorwonden,
Door de wreede geeselstraf;
\'t Dierbaar kind zag zij hier lijden,
Gansch alleen den doodkamp strijden
Tot Hij God den geest hergaf.
Geef, o moeder van genade,
Dat ik al, wat u belaadde,
Met u drage, en met u ween!
Dat de liefde mij doorblake,
En ik Christus minnend make,
Hem behage, Hein alleen.
Reine moeder, druk de smarte
Van het lijden in mijn harte,
Dat den kruisling nederboog,
Dat ik al, wat Hem doorwoelde,
Al de wonden, die Hij voelde,
Met u lijdend deelen moog.
Mocht ik klagen, al mijn dagen,
Innig al die smarten dragen
Tot het leven mij ontvlucht.
Willig u naar \'t kruis te leien
Met u sidd\'ren, met u schreien
Is mijn teerste boezemzucht.
-ocr page 432-
426              Gebeden onder
Mangel der maagden nooit volprezen,
Werd mij deze gunst bewezen,
Dat ik aan uw zijde klaag,
Doe mij strijden, doe mij lijden;
Christus striemen langs de zijden
Waar ik eeuwig van gewaag.
Werd me een deel dier pijn geschonken
Make \'t kruis mij vreugdedronken
Door de liefde van uw zoon!
\'k voel mijn ziel in vlam gerezen,
Wil gij dus mijn voorspraak wezen
Als ik sta voor \'s Rechters troon.
Maak dat mij het kruis beware,
Dat mij Christus sterven spare,
Zij de schaauw van zijn gena.
En zal eens mijn lichaam sterven
Doe mijne ziele dan beërven
\'t Heerlijk Paradijs hierna!
EVANGELIE.
Volgens den H. Johannes. XIX, 25—27.
Onder het kruis van Jezus stonden
zijne moeder en de zuster zijner moe-
der, Maria, de vrouw van Cleophas, en
Maria Magdalena. Toen nu Jezus zijne
moeder, en den leerling, dien Hij lief
had, staan zag, sprak Hij tot zijne
Moeder: Vrouw, ziedaar uw Zoon!
Daarna sprak hij tot den leerling: Zie-
-ocr page 433-
de H. Mis.                   427
daar uwe Moeder. En van dat uur af
nam zij den leerling tot zich.
CREDO.
Mijn God, ik geloof vastelijk en neem
voor waar aan alles, wat Gij onze Moe-
der de eene, ware, heilige en Apostolische
Kerk geopenbaard hebt. Voor elke
waarheid van mijn heilig geloof, ben ik
bereid mijn leven te geven.
In deze geheele onderwerping van
hart en geest leg ik voor U dezelfde
geloofsbelijdenis af, die de priester aan
het altaar in naam van alle geloovigen
uitspreekt. Ik dank U voor de groote
genade, die Gij mij bewezen hebt, door
mij te roepen tot het ware licht des
geloofs. Plechtig vernieuw ik heden het
verbond, dat ik met U in het H. Doopsel
gesloten heb, en verzaak opnieuw aan
den Satan, aan al zijne werken, aan al
zijne listen en lagen.
Verleen slechts, o God, dat ik uwe
zaligmakende leer immer meer erkenne,
en tot heil mijner ziel aanwende.
O allerheiligste Maagd Maria! ik her-
inner mij al den angst van uw moeder-
-ocr page 434-
428               Gebeden onder
lijk hart, toen Gij uwen verloren Zoon
drie dagen lang zocht, tot dat Gij Hem
eindelijk in den tempel te Jeruzelem
terug vondt. Door deze uwe smarten
verkrijg mij de genade, dat ik mijn
Jezus nooit verliezen moge en mocht dit
ongelukkiger wijze ooit geschieden, dat
ik Hem dan met een berouwvol hart
zoeken, en als eenen barmhartigen God
moge terugvinden: door denzelfden Je-
zus Christus, onzen Heer. Amen.
DE OFFERANDE.
Heilige Vader, almachtige, eeuwige
God, neem het offer, dat wij door de
handen des priesters op het altaar
neerleggen, welgevallig van ons aan.
Wij offeren U het goddelijk Lam, dat
voor ons allen geslachtofferd is gewor-
den, en wij bidden door de verdiensten
van het lijden en den dood van Jezus,
dat Gij de katholieke Kerk van alle
rampen wilt bevrijden. O God! verhoor
ons ootmoedig smeeken, en verleen ons,
die het smartvolle lijden der allerheilig-
ste Moeder van Jezus met deelneming
overwegen, dat wij op hare machtige
-ocr page 435-
de H. Mis.                    429
voorspraak, door de verdiensten van
uwen Zoon, onzen Heer, met de zalig-
heid der heiligen in den Hemel beloond
worden.
O bedroefde, maagdelijke Moeder van
Jezus, ik gedenk met droefheid het
smartelijk oogenblik, toen Gij Jezus,
uwen innig geliefden Zoon, met het
kruis op zijne schouders ontmoettet. O,
wat diepe wonde heeft dit oogenblik in
uw moederhart geslagen !.....
Ach lijdende en smartvolle Moeder,
ik neem deel in uw lijden, en aanbid
met bewondering de beschikkingen Gods;
want God heeft U met zijne hemelsche
kracht gesterkt. Hooggeprezen zij de
Heer in eeuwigheid.
Eere zij den Vader, den Zoon en den
H. Geest, gelijk in het begin, nu en al-
tijd. Amen.
SANCTUS.
Onuitsprekelijk groote God, ik aanbid
U in eerbiedvolle bewondering, want
weldra begint het verhevenste wonder
uwer goedheid en liefde, en wij erken-
nen uwe macht in dit groot geheim,
-ocr page 436-
43<3                  Gebeden onder
waarvoor hemel en aarde in aanbidding
ter neder liggen.
O heerlijkheid en kracht van mijnen
God, versterk mijn zwak geloof, opdat
ik van de heiligheid der handeling die
nu voltrokken wordt, diep doordrongen
zij. Eeuwige God, het is billijk en
rechtmatig, dat alle Engelen en Heiligen
U met luider stemme loven, terwijl de
priester, uw bedienaar, het heiligste werk
volbrengt. Daarom willen ook wij, al-
machtige, eeuwige God, U dankzeggen,
en U loven in Jezus Christus, onzen
Heer, en in het aandenken der smart-
volle Maagd, die in diepe droefheid
onder het kruis stond. Zij zag haren
geliefden Zoon aan het schandhout han-
gen, en hoorde Hem met luider stemme
uitroepen: Vader ! het is volbracht. —
Hemel en aarde kunnen de diepte van
dit geheim niet doorgronden.
O mijn God! had ik toch het ver-
langen, waarmede de heilige Patriarchen
de komst van den Messias verwachtten!
Had ik toch hun geloof en hunne liefde!
Kom, Heer Jezus! kom, liefdevolle Ver-
losser der wereld, kom, gij Lam Gods,
-ocr page 437-
de H. Mis.                    431
aanbiddenswaardig slachtoffer, en neem
van mij weg, hetgeen U mishaagt.
DE CONSECRATIE.
O Jezus, Zoon Gods, wees mij gena-
dig; Jezus, zoon van David, wees mij
barmhartig; Jezus, Zoon der Maagd Ma-
ria, vergeef mij mijne zonden, ü mijn
Verlosser, wasch mijne vlekken en zwak-
heden door uw goddelijk bloed uit, door
uw kostbaar bloed versterk mij in het
goede; door uw genadenrijk bloed ver-
leen mij de volharding tot het einde.
NA DE CONSECRATIE.
Jezus, mijn Heer en mijn God! met
diepen eerbied aanbid ik U onder de
gedaante van brood en wijn: Gij zijt
groot en schrikwekkend, maar ook on-
eindig barmhartig, daarom bid ik U,
keer uw aanschijn tot ons, die hier
vergaderd zijn, en laat dit heilig offer
door de handen der Engelen tot voor
den troon uws hemelschen Vaders bren-
gen, opdat Hij er door verheerlijkt
worde, en wij allen, die hier gemeen-
-ocr page 438-
432               Gebeden onder
schappelijk U met vleesch en bloed
op het altaar tegenwoordig aanbidden,
met hemelschen zegen en uwe genade
vervuld worden.
Liefdevolle Jezus, die altijd bereid
zijt een ieder te helpen, niet alleen bid
ik U voor mijne eigene noodwendighe-
den, maar voor allen smeek ik U voor
wie ik verplicht ben te bidden of die
zich in mijne gebeden hebben aanbe-
volen. Mogen ook de vruchten dezer
H. Offerande toekomen aan hen, die in
vrede gestorven zijn, maar nog in het
vagevuur voor hunne zonden lijden. Ver-
leen hun de verlossing uit hunne pij-
nen, en geef hun de eeuwige rust.
Onze Vader...... Wees gegroet.....
Naast het kruis van Jezus stonden
zijne Moeder en hare zuster, de vrouw
van Cleophas, ook Salome en Maria
Magdalena.
O Heilige volgelingen van Jezus, die
den Godmensch onder een schrikkelijk
lijden zaagt sterven, bidt voor ons, op-
dat God mijn gebed verhoore; want
hier is immers dezelfde Jezus tegenwoor-
dig en offert zich wederom aan zijnen
hemelschen Vader op. Laat ons Hem
-ocr page 439-
de H. Mis.
433
hier aanbidden in het werk zijner liefde,
zijner genade en barmhartigheid. Laat
ons Hem loven en danken, die zich voor
onze zonden overleverde; biedt Hem onze
dankzegging aan, opdat zij Hem aange-
naam zij: door denzelfden Jezus Chris-
tus onzen Heer. Amen.
DE H. COMMUNIE.
Allerheiligste Maagd Maria, lijdende
moeder! welke overmaat van droefheid
vervulde uwe ziel toen uw geliefde Zoon
van het kruis werd afgenomen. Nooit
was er een moederhart, dat zoo teeder
beminde als het uwe; want Gij bemindet
in Jezus niet slechts den beminnens-
waardigsten Zoon en den besten aller
menschen, maar gij bemindet in Hem
uwen God; en deze beminnenswaardigste
Zoon, deze aanbiddenswaardige God en
Heiland ligt nu ontzield op uwen schoot.
Ach welk een hartverscheurend oogen-
blik was het, toen Gij den onschuldigsten
Jezus, met wonden en bloed bedekt, en
om onze zonden den smartvolsten dood
gestorven, in uwe armen aanschouwdet.
Moeder van smarten! Gij kondt waarlijk
28
-ocr page 440-
434                Gebeden onder
uitroepen: O gij allen, die hier voorbij
gaat, ziet, of er ee/ie smart is gelijk
aan de mijne\'.
O diep bedroefde Moeder! vereenig
uw lijden, zuchten en tranen met onze
gebeden, en beveel zelf onze aangelegen-
heden aan uwen goddelijken Zoon, die
tot gedachtenis zijner begrafenis in het
hart des priesters nederdaalt. O, ware
ook ik waardig het allerheiligste Lichaam
met den priester te nuttigen. Daar ik
echter deze genade geheel onwaardig
ben, zoo bid voor mij, liefdevolle Moe-
der, uwen goddelijken zoon, dat Hij op
geestelijke wijze tot mij kome en mij heili-
ge, om Hem bij de eerstvolgende H. Com-
munie godvruchtig te ontvangen, opdat
ik door het ontvangen van zijn heilig
lichaam en bloed in alle deugden ver-
sterkt worde, die mij het eeuwige leven
waardig maken: door Jezus Christus
onzen Heer. Amen.
NA DE H. COMMUNIE.
Allerheiligste Drievuldigheid! Neem
deze H. Offerande, die ik nu bijgewoond
heb, genadig aan; dat zij als een bewijs
-ocr page 441-
de H. Mis.                    435
van mijnen eerbied en mijner aanbidding
U aangenaam weze en omdat ik gedu-
rende dezelve ook het lijden en de
smarten der maagdelijke moeder des
Heeren overwogen heb, hoop ik vol
vertrouwen, dat deze Koningin der mar-
telaren voor mij in den hemel zal bid-
den, opdat ik door haren heiligen le-
venswandel op aarde na te volgen ook
zoo gelukkig worde als Zij, zoo geduldig
en onderworpen alle lijden en weder-
waardigheden uit de hand Gods aanneme
gelijk de nederige dienstmaagd des Hee-
ren zulks gedaan heeft. Dat de Aller-
zaligste bijzonder voor mij bidde, opdat
ik een gelukkig sterfuur bekome, en
onder hare bescherming tot het eeuwige
leven moge ingaan, door Jezus Christus,
onzen Heer. Amen.
BIJ DEN ZEGEN DES PRIESTERS.
O liefderijke God! zegen mij in alle
omstandigheden des levens, gelijk Gij
de moeder van uwen Zoon in hare
zeven smarten gezegend hebt, zoodat zij
bij al haar lijden en wederwaardigheden
zich geheel en al aan uwen heiligen wil
-ocr page 442-
436                Gebeden onder
overgaf. In den naam des Vaders, des
Zoons en des H. Geestes. Amen.
SLOTGEBED.
O Jezus Christus, mijn Verlosser!
met een bewogen hart dank ik U voor
het groote geluk, dat ik wederom de
onbloedige vernieuwing heb kunnen bij-
wonen van het Offer, dat Gij op bloe-
dige wijze aan het kruis voltrokken
hebt. Ik bad gedurende deze heilige
plechtigheid, met berouw en leedwezen
over mijne zonden, en draag nu den
zegen des hemels in mijn hart.
ü Jezus, geef mij kracht, opdat ik
dezen kostbaren schat nooit verlieze
door nieuwe zonden.
Met deelneming heb ik ook uw lijden
herdacht, o Moeder van Jezus. Gij stondt
onder het kruis, en ieder zucht, ieder
woord van uwen stervenden Zoon, door-
boorde als een scherp zwaard uw min-
nend moederhart.
O beklagenswaardigste aller moeders!
wie zou niet met U weenen bij het
overwegen van zooveel smarten.
Gij zaagt zijn bloed vloeien, gij hoor-
-ocr page 443-
de H. Mis.                    437
det hem roepen: Vader waarom hebt
gij mij verlaten r
Gij wist, en gij moest
getuige zijn, zonder hulp te kunnen
bieden, hoe uw geliefde Jezus in de
grootste martelingen zijn werk volbracht.
Gij leedt meer dan de andere vrouwen,
dan de vrienden van Jezus, die bij zijne
kruisiging tegenwoordig waren, dewijl
Gij Hem ook meer dan alle anderen
bemind hebt. ü smartvolle moeder, blijf
voor mij altijd eene milddadige be-
schermster, draag zorg voor mij in mijn
leven, en wanneer ik eens in mijn sterf-
uur, van alle menschen verlaten, uwen
H. Naam zal aanroepen, o Maria! ge-
denk dan deze heilige Offerande waarin
ook het aandenken van uw smartelijk
lijden is gevierd geworden; wees dan
de liefde indachtig die ik u toedraag
en wees mijne troosteres, mijn bijstand
in den laatsten strijd, mijne voorspreek-
ster bij den goddelijken Rechter, bij
Jezus Christus, uwen Zoon, onzen Heer.
Amen.
-ocr page 444-
438                Gebeden onder
f)nfo mauw dm fa $. f^is U (moren.
T?oat= os ODEPleitEnen.
—:.ooo-*-a—
J3 , . ....                       ... . ,
n christelijke rouwmoedigheid na-
deren wij tot het altaar, om U,
eeuwige Vader, uwen eeniggebo-
ren Zoon tot troost en lafenis der
geloovige zielen als offer op te dragen.
Zij scheidden uit dit leven in gemeen-
schap der H. Kerk, en in het geloof
van Jezus Christus, en aanschouwen
daarom uit hunnen kerker met innig
verlangen zijn heilig kruis, en wachten
met ongeduld op het uur der verlossing.
Geef bidden wij U, dat het onbloedige
offer van Uwen Zoon hun tot troost
verstrekke, en verhoor door Hem onze
gebeden, die wij voor die arme zielen
storten; wees hun genadig ter wille van
Jezus, uwen geliefden Zoon.
Bijzonder echter bevelen wij aan uwe
barmhartigheid, onze overledene ouders,
broeders, zusters, bloedverwanten, vrien-
den en weldoeners en allen, die wij
-ocr page 445-
de H. Mis.                    439
ergernis mochten gegeven hebben of die
om onzentwille in het vagevuur lijden.
Vergeld Gij hun in de eeuwigheid het
goede dat zij ons gedaan hebben: scheld
hun de straf kwijt die zij aan ons ver-
diend hebben.
Evenwel, barmhartige en rechtvaardige
God, wij zijn zelfs zondaars, en hebben
zoo dikwijls uwe heilige geboden over-
treden; daarom slaan wij rouwmoedig
op onze borst en zeggen: Heer, wees
ons, arme zondaars, genadig!
BIJ HET BEGIN DER H. MIS.
Heer, geef hun de eeuwige rust, en
het eeuwige licht verschijne hun. U be-
taamt een loflied, o God in Sion; en U
zal gelofte gedaan worden in Jerusalem;
verhoor mijn gebed, alle vleesch zal tot
U komen. Heer, geef hun de eeuwige
rust en het eeuwige licht verschijne hun.
Heer God, ontferm U onzer!
Christus, verhoor ons!
Heer God, ontferm U onzer!
GERED DER KERK OP ALLERZIELENDAG.
O God, Schepper en verlosser aller
-ocr page 446-
44°              Gebeden onder
geloovigen, verleen aan de zielen uwer
dienaars en dienaressen vergiffenis van
alle zonden, opdat zij de kwijtschelding
daarvan, die zij altijd verlangd hebben,
door godvruchtige gebeden verkrijgen
mogen. Gij die leeft en regeert in de
eeuwen der eeuwen. Amen.
GEDED VOOR AFGESTORVENE OUDERS.
O God, die ons geboden hebt, vader
en moeder te eeren, ontferm u edelmoe-
dig over de zielen van mijn vader en
mijne moeder; vergeef hun alle zonden
en laat mij eens hen in de vreugde des
eeuwigen lichts aanschouwen. Door on-
zen Heer Jezus Christus, uwen Zoon,
die met U leeft en regeert in de een-
heid van God den H. Geest, door alle
eeuwen der eeuwen. Amen.
VOOR AFGESTORVENE BLOEDVERWANTEN
EN VRIENDEN.
O God, uitdeeler der barmhartig-
heid, en beminnaar van het mensche-
lijk geslacht, wij smeeken uwe goedheid
dat Gij de zielen van onze afgestorvene
-ocr page 447-
de H. Mis.
441
broeders en zusters, vrienden en wel-
doeners, door de voorbede der aller-
zaligste maagden en van alle heiligen, tot
uwe zalige aanschouwing moogt toela-
ten. Door onzen Heer Jezus Christus enz.
VOOR EEN AFGESTORVENEN PRIESTER.
Verleen genadig, o Heer! dat de ziel
van uwen dienaar N. dien Gij hier op
aarde met de priesterlijke waardigheid
bekleed hebt, daar in het hemelsch Sion
onder de schaar uwer priesters worde
opgenomen. Door Jezus Christus enz.
GEBED OP DEN DAG DER BEGRAFENIS.
O God, wien het eigen is altijd ge-
nadig te zijn en te sparen, wij bidden
U ootmoedig voor de ziel van uwen
dienaar (dienares) N. die Gij uit deze
wereld geroepen hebt, lever haar niet
over in de handen uwer vijanden en
vergeet haar niet voor eeuwig; maar
laat haar door uwe heilige Engelen op-
nemen, en in het hemelsch paradijs bin-
nenvoeren, opdat zij, die in U geloofd
en op U gehoopt heeft, van de straffen
-ocr page 448-
442                Gebeden onder
dezer wereld bevrijd, tot de eeuwige
vreugde geraken mogen. Door Jezus
Christus enz.
EPISTEL.
Broeders, wij willen u niet in onwe-
tendheid laten, wat de afgestorvenen
betreft, opdat gij niet treurt gelijk an-
deren, die geene hoop hebben; want
gelijk wij gelooven dat Jezus Christus
gestorven en verrezen is, zoo zal God
ook hen, die in Christus gestorven zijn
met zich voeren (ter opstanding.) Want
de Heer zelf zal bij het geschal der
bazuinen van den hemel nederdalen,
en die in Christus gestorven zijn zullen
het eerst verrijzen. Dan zullen zij, die
nog leven, tegelijk met hen Christus te
gemoet gevoerd worden, en zoo zullen
wij dan altijd bij den Heer zijn. Troost
elkander met deze woorden.
ir. Heer geef hun de eeuwige rust.
Ij,. En het eeuwige licht verschijne hun.
De rechtvaardige zal in eeuwige gedach-
tenis blijven: hij zal voor geen kwaad
vreezen. Ontsla, o Heer, de zielen der
afgestorvenen van de banden hunner
-ocr page 449-
de H. Mis.                  443
zonden, en verleen hun kwijtschelding
volgens uwe barmhartigheid van de
straffen des oordeels.
DIES IRAE.
De toornc dag, die dag snelt aan,
Als de aarde in vlammen op zal gaan,
CJelijk Sibyl en David spellen.
Wat angst treft dan niet ieders borst,
Wanneer Hij, de Opperhcmelvorst
Het vonnis over de aard komt vellen.
En \'t graf, op schel bazuingeluid
Van schrik verbleekt, zijn schoot ontsluit,
Om alle stof te zien ontwaken:
Terwijl natuur verbaasd en stom
Dien onafzienbren volkendrom
Des Rechters vierschaar ziet genaken.
Dan wordt het schuldboek aangebracht,
Waarin heel \'t menschelijk geslacht
Zijn goed en kwaad zal zien geschreven,
En heeft de rechter \'t pleit beslist
Zoo is daarbij geen feit gemist
(jeheim of openbaar bedreven.
Ach mij, ellendige, als ik ben
Die hier in \'t stof reeds schuld beken
Hoe zal ik \'t vonnis daar ontvluchten;
-ocr page 450-
444                Gebeden onder
Wie keert dan \'tvreeselijk oordeel af
Der mij beschoren hellestraf
Daar zelfs de Heiligen nog duchten.
Gij, Heer ontzagbre Majesteit,
Die louter uit barmhartigheid
Den uwen \'t rijk des hemels opent,
O red ook mij door uw gena,
En kom mij Jezus\' bloed te sta,
Waarop ik vol vertrouwen hopend,
Alleen mijn uitzicht heb gesteld.
Gedenk, dat Ge ook om mij kwaamt sterven,
Dat Gij ook mij kocht met uw bloed:
Ach zie mij kermend aan uw voet,
Ach laat mij uwe gunst niet derven.
Gij hebt mij onvermoeid gezocht,
Aan \'tfolterhout mij vrijgekocht,
En is dat al voor mij verloren ?
O Rechter, streng, maar liefderijk
Geef mij van uw ontferming blijk,
Voordat uw toorne dag zal gloren.
Ik zucht, met schaamte op \'t aangezicht,
Te pletter liggend onder \'t wicht
Van tallooze en afgrijsbre zonden;
Fn toch nog blijft de hoop bij mij,
Want heeft de moorder aan uw zij,
Maria zelfs geen heil gevonden.
Wel is mijn bede uw oor niet waard
Doch Gij, die liefst vergeeft en spaart,
Zult mij aan \'t vuur der hel niet wijden,
Maar eerder aan uw rechterzij,
-ocr page 451-
de H. Mis-                  445
Een plaats bestemmen ook voor mij,
Bij \'t bokken en het lamren scheiden.
Wanneer Gij \'t doemtal van U stoot
Kn neerploft in der vlammen schoot,
O, zij mijn lot dan met de vromen,
In \'t stof gebukt, voor U geknield,
Roep ik, het hart met rouw bezield:
o, Laat me in \'t einde tot U komen.
Ja wel vol jammer breekt hij aan
De dag, als de aarde in vlam zal staan,
Gelijk Sibyl en üavid spellen:
De stond als \'t schepsel in \'t gericht
Gedaagd wordt voor Gods aangezicht
Om \'t eeuwig vonnis te zien vellen.
O Rechter vol lankmoedigheid
Verhoor den zondaar die hier schreit,
Bewust van \'t kwaad, door hem bedreven:
Ach, geef. door \'t overkostbaar bloed
Waarmee Gij hebt voor ons geboet,
Die op U hopen, \'t eeuwig leven.
EVANGELIE.
In dien tijd zeide Jezus tot de scha-
ren der Joden: Voorwaar, voorwaar, ik
zeg u, het uur komt, en is nu, wanneer
de dooden de stem van den Zoon Gods
zullen hooren; en die haar hooren, zullen
leven. Want gelijk de Vader het leven
in zich zelven heeft, alzoo heeft Hij ook
-ocr page 452-
446                Gebeden onder
den Zoon gegeven het leven in zichzel-
ven te hebben, en heeft Hij hem macht
gegeven, oordeel te houden, omdat Hij
de Zoon des menschen is. Verwondert
u daarover niet, want het uur komt,
waarin allen, die in de graven zijn, de
stem van den Zoon Gods zullen hooren.
En zij, die het goed gedaan hebben,
zullen uitgaan tot de opstanding van
leven, maar die het kwaad gedaan heb-
ben, tot de opstanding van oordeel.
OFFERANDE.
O Heer, Jezus Christus, Koning der
heerlijkheid! verlos de zielen van alle
afgestorvene geloovigen uit de straffen
des vagevuurs en uit den diepen jam-
merpoel; bevrijd hen uit den muil des
leeuws, dat de helsche afgrond hen niet
inzwelge; dat zij niet in de duisternis
vallen, maar dat de lichtdrager, de H.
Michael hen tot het heilig licht voere,
hetwelk Gij eertijds aan Abraham en
zijne nakomelingen beloofd hebt. — Wij
dragen U offeranden en lofgebeden op,
o Heer; neem ze voor die zielen aan,
voor welke wij heden de gedachtenis
-ocr page 453-
de H. Mis.
447
vieren, doe haar, o Heer, van den dood
tot het leven overgaan, hetwelk Gij eer-
tijds aan Abraham en zijn geslacht be-
loofd hebt.
Wij smeeken U, o Heer, zie genadig
neder op de offeranden, die wij voor de
zielen uwer dienaars en dienaressen op-
dragen, opdat Gij hun, wien Gij de ver-
diensten van het christelijk geloof uit
genade gegeven hebt, ook daarvoor het
loon verleent. God, wiens barmhartig-
heid zonder einde is, neem genadig onze
ootmoedige gebeden aan, en verleen aan
de zielen onzer bloedverwanten en wel-
doeners, vergeving van alle zonden, ge-
lijk Gij hen tot de kennis van uwen
heiligen naam geroepen hebt. Door
Christus onzen Heer. Amen.
Help ons, God onzes heils! help ons
in de bedruktheden, die ons zoo veel-
vuldig overvallen, help ons en ontferm
U onzer door de voorspraak der aller-
heiligste Maagd, van de heilige Apos-
telen Petrus en Paulus en alle Heiligen,
want wij zijn ellendig geworden in onze
zonden; laat ons hier niet een kwaden
dood sterven, gelijk wij het verdienen,
doch laat den boozen geest ophouden
-ocr page 454-
448               Gebeden onder
ons te kwellen, opdat wij tijd vinden
om boete te doen. Door Jezus Christus
onzen Heer. Amen.
SANCTUS.
Ja, oneindig heilig zijt gij, o God!
Eeuwig hebt gij het kwaad gehaat, en
niets onreins kon daarom tot U den
hemel binnen gaan; daarom kunnen
ook de zielen des vagevuurs uw aan-
schijn niet aanschouwen, dewijl zij nog
met vlekken en onvolmaaktheden be-
smeurd zijn.
Uwe heiligheid en rechtvaardigheid
evenwel is ook liefde: Gij straft uit
liefde en Gij vergeeft uit liefde, als wij
uit liefde tot de geloovige zielen uw
rechtvaardig oordeel aanbidden. Heilige
God! reinig en zuiver die zielen van
hunne zonden en smetten.
Gij hebt hen hier op aarde door uwe
genade geheiligd, door uwen H. Geest
hunne lichamen tot uwe tempels ge-
maakt, uwe liefde in hunne harten uit-
gestort, en hen als uwe kinderen en
erfgenamen aangenomen. Heilige God
heilig hen meer en meer, voleindig in
-ocr page 455-
de H. Mis.
449
hen uwe liefde. Vergeef het hun, eeu-
wige liefde, dat zij niet altijd met ge-
trouwheid aan uwe genaden hebben
medegewerkt; verlos hen uit hun lijden.
God aller troost! troost hen met de
hoop eener spoedige verlossing! Laat
hen uw aanschijn aanschouwen, en zich
spoedig in uwe liefde eeuwig verheugen!
Laat hen met uwe uitverkorenen spoe-
dig het driewerf Heilig zingen! Laat
ons eindelijk met hen en alle zalige
geesten U, den oneindig Heilige, eeuwig
aanbidden. Amen.
CONSECRATIE.
Ik geloof, dat Gij hier waarachtig
met vleesch en bloed, met ziel en lichaam,
met godheid en menschheid onder de
gedaanten van brood en wijn tegenwoor-
dig zijt. Jezus, voor U wil ik leven!
Jezus voor U wil ik sterven! Jezus ik
wil geheel de uwe zijn in leven en in
sterven.
Jezus Christus, mijn Heer en God,
geef den afgestorvenen de eeuwige rust!
Amen.
^c.
-ocr page 456-
45°                Gebeden onder
NA DE CONSECRATIE.
Terwijl wij de gedachtenis vieren van
het lijden, der verrijzenis en der hemel-
vaart van uwen goddelijken Zoon Jezus
Christus, gedenken wij tegelijkertijd
met dankbare liefde alle Christen ge-
loovigen, die vertrouwend op uwe barm-
hartigheid uit dit leven gescheiden zijn.
Heer, geef hun de eeuwige rust en
het eeuwige licht verschijne hun\'.
Wij gedenken onze afgestorvenen broe-
ders en zusters, die Gij aan onze zijde
hebt weggenomen in de eeuwigheid.
ffeer, geef hun de eeuwige rust! enz.
Wij gedenken onze afgestorvenen pries-
ters, die ons in het geloof onderricht,
door hun goed voorbeeld gesticht, en
ons de heilige Sacramenten toegediend
hebben.
Heer, gaf hun enz.
Wij gedenken onze afgestorvenen ou-
ders, die hier op aarde zooveel zorgen
gedragen en zooveel kommer om ons
geleden hebben.
Heer^ geef hun enz.
-ocr page 457-
de H. Mis.                    451
Wij gedenken onze afgestorvenen vrien-
den en weldoeners, die ons naar lichaam
en ziel zooveel goeds bewezen hebben.
Heer, geef hun enz.
Wij gedenken eindelijk alle Christen
geloovigen, die in het ware geloof, in de
zalige hoop en in de liefde van Jezus
Christus gestorven zijn.
Jfecr^ geef hun enz.
Voor deze allen, als zij nog niet aan
uwe goddelijke rechtvaardigheid voldaan
hebben, vooral wanneer zij om ons nog
te lijden hebben, smeeken wij in oot-
moed des harten: Hcci\\ geef hun de
eeuwige rust, en het licht versehijne hun.
Laat ook aan ons de gedachtenis der
overledenen heilzaam zijn; geef dat wij
door de gedachte aan de straffen, welke
ook zelfs godvruchtige zielen in het vage-
vuur voor hunne fouten moeten onder-
gaan, aangespoord worden, steeds zuiver
en rein van geweten voor uw aanschijn
te wandelen, de plichten van onzen
staat als Christen, steeds nauwgezet te
vervullen, opdat wij bij het scheiden uit
deze wereld daar eens mogen aanlanden,
waar ons de Heiligen reeds zijn voor-
-ocr page 458-
452                Gebeden onder
gegaan. Daarom smeeken wij tot U,
algoede God! en bidden: Onze Vader,
enz.
Jezus, verleen aan de afgestorvene
Christenen de eeuwige rust; verlos ons
en de lijdende zielen in het vagevuur
van alle kwaad, van de zonde en hare
straffen. Geleid hen niet ons daarheen,
waar geene zonde, geen dood, geen
tranen meer zijn. Amen.
HET AGNUS DEI EN DE H. COMMUNIE.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld geef hun de eeuwige rust.
(Driemaal) Amen.
Het Lichaam en het Bloed van onzen
Heer Jezus Christus, dat de priester ter
gedachtenis van zijn dood nu gaat nut-
tigen, zij voor alle levenden en afge-
storvenen eene bron van verlossing en
van eeuwig geluk. — O Heer, ik ben
niet waardig uw heilig Lichaam en Bloed
te ontvangen, maar ik bid U door de
kracht van het heilig Sacrament, dat
de afgestorvene geloovigen in hun leven
zoo dikwijls ontvangen hebben, laat
hetzelve hun ook nu tot heil verstrekken.
-ocr page 459-
de H. Mis.                    453
Uw lichaam hebt Gij den dood over-
geleverd om het leven aan de wereld
te geven; uw bloed hebt Gij vergoten
tot vergiffenis der zonden. Uwe ziel is
van het kruis in het voorgeborgte der
hel nedergedaald, om de zielen der af-
gestorvenen te troosten, en hun spoedige
verlossing aan te kondigen.
O Jezus! vergeef dan ook nu de
zonden der lijdende zielen in het vage-
vuur; verkondig hun dat zij spoedig
zullen verlost worden, en geleid hen
tot het eeuwige leven. Amen.
O smartvolle moeder Maria! troosteres
der bedrukten! vergeet ook Gij uwe
kinderen niet, die nog in het vagevuur
lijden.
Ik bid en smeek U bij het zeven-
voudig zwaard, dat uw hart doorboorde,
bij" alle smarten welke het werk der
verlossing U veroorzaakt heeft, wees
ook eene goede moeder voor de arme
zielen; smeek hun bij uwen Zoon Jezus
de volle kwijtschelding hunner straffen
af, opdat zij zich spoedig in uwe be-
minnelijke tegenwoordigheid mogen ver-
heugen. Amen.
-ocr page 460-
454                Gebeden onder
NA DE II. COMMUNIE.
Het eeuwige licht verschijne hun,
o Heer! met uwe heiligen in eeuwigheid;
want gij,* o Heer, zijt barmhartig.
V\'. Heer! geef hun de eeuwige rust
en het eeuwige licht verschijne hun.
1}. Met uwe heiligen in eeuwigheid;
want Gij, o Heer, zijt barmhartig.
Almachtige, eeuwige God! met het
oog op het offer van uwen Zoon, ver-
geef de afgestorvene zielen uwer diena-
ren en dienaressen hunne zonden, reinig
hen van hunne fouten, verleen hun kwijt-
schelding der verdiende straffen, opdat
zij spoedig tot de eeuwige rust en tot
het aanschouwen uwer heerlijkheid toe-
gelaten worden. Door Christus onzen
Heer. Amen.
O Vader van barmhartigheid, zie ne-
der op de zielen des vagevuurs; zij zijn
uwe schepselen. Zoon Gods, Jezus Chris-
tus, verlosser der wereld, aanschouw de
lijdende zielen; zij zijn de prijs van uw
heilig Bloed. Heilige Geest! troost die
zielen in hunne verlatenheid, die Gij in
het H. Doopsel tot uwen tempel hebt
-ocr page 461-
de H. Mis.
455
uitverkoren. Heilige Maagd! zoete moe-
der der liefde, en alle Heiligen des
hemels, bidt voor hen, opdat zij spoedig
uwe zalige woonplaatsen mogen binnen-
gaan.
Goddelijke verlosser! die ook in den
dood uwe vrienden niet vergeten hebt,
neem onze tranen en gebeden aan voor
onze afgestorvene dierbaren; vergeld
hun het goede, dat zij ons hier op aarde
gedaan hebben, wisch hun schulden uit
die zij nog niet uitgeboet hebben, opdat
zij spoedig het loon hunner goede wer-
ken ontvangen mogen.
Hoor Jezus Christus onzen Heer. Amen.
God der eeuwige liefde! Het is een be-
wijs Uwer groote barmhartigheid en liefde
dat wij die voor ons zelven genoeg te
bidden hebben, U voor anderen mogen
bidden; wij bevelen U aan de zielen
van alle afgestorvenen Christenen, bij-
zonder van hen, die eens met ons en
voor ons hier in deze kerk gebeden
hebben; nu wachten zij in hunne pijnen
op ons gebed. O, vergeef haar dan al
hunne zwakheden, die zij als kinderen
van Adam van hunne geboorte af met
zich droegen; zend hun uwen heiligen
-ocr page 462-
456                Gebeden onder
Engel tot hunnen troost, met de blijde
boodschap, dat gij ons gebed van heden
verhoord hebt, opdat zij spoedig in de
rij der gelukzaligen mogen geplaatst
worden, aan uwen troon voor ons bid-
den, en U daarvoor eeuwig aanbidden,
danken en verheerlijken. Amen.
NA DE H. MIS.
O Heer Jezus Christus, Vader der
barmhartigheid! wij bidden U door uw
kostbaar bloed, door uwe heilige vijf
wonden, door uw bitter lijden en ster-
ven, waardoor Gij het geheele mensche-
lijk geslacht verlost, en voor de zonden
en schulden aller menschen overvloedig
voldaan hebt; ontferm U over onze af-
gestorvene broeders, zusters, vrienden en
weldoeners, tot wier verlossing wij he-
den dit heilig misoffer opdragen.
O Jezus! laat slechts één druppel van
uw kostbaar bloed over hen neerkomen,
opdat zij daarin gewasschen en gezui-
verd worden. O Jezus! open uwe heilige
wonden voor hen, opdat zij daarin rust
en zaligheid vinden, ü Jezus! laat hen
aan de verdiensten van uwen smadelijken
-ocr page 463-
de H. Mis.                    457
dood deelachtig worden, opdat zij daar-
door vergeving en kwijtschelding hunner
schulden en straffen erlangen, en U met
alle uitverkorenen in eene eeuwige vreug-
de loven en prijzen mogen. Amen.
LIBERA.
Red mij, barmhartige God! van den
eeuwigen dood, op dien vreeselijken dag,
waarop de hemelen en aarde beven zul-
len voor U, die komen zal om levenden
en dooden te oordeelen!
V. Hoe sidder en beef ik voor uwe
komst, voor uw oordeel en straffen, voor
het zwaard des rechters.
]\\. Die komen zal om te oordeelen.
levenden en dooden.
V. Op dien dag.den dag der gramschap,
den dag van geween en gejammer, dien
grooten en bitteren dag.
f\\. Waarop alle hemelen en aarde voor
U beven zullen.
V. Heer, geef hun de eeuwige rust!
1\\. En het eeuwige licht verschijne hun!
W. Heer, ontferm U onzer! ty. Chris-
tus ontferm U onzer! Onze vader.....
-ocr page 464-
458                Gebeden onder
V. En leid ons niet in bekoriig.
]{.. Maar verlos ons van den kwade.
V. Uit de plaats der zuivering.
~i\\. Verlos hunne zielen.
V. Heer, verhoor ons smeeken. rj. 1 -aat
ons geroep tot U komen.
C.KiSED DER KERK.
Verlos, o Heer, de ziel van uwen
dienaar (dienares) opdat zij, die uit deze
wereld gescheiden is, voor U leve inde
eeuwigheid. Vergeef volgens uwe on-
eindige barmhartigheid de zonden, die
zij in hun leven op aarde door mensche-
lijke zwakheid begaan hebben. Door
Christus onzen Heer. Amen.
V. Heer, geef hun de eeuwige rust!
fy. Het eeuwige licht verschijne hun!
V. Dat zij rusten in vrede. 1|. Amen.
GEBED 01\' HET KERKHOF.
Dewijl wij, geliefde broeders, aan het
lichaam van onzen afgestorvene den
laatsten christenplicht der begrafenis be-
wijzen, zoo laten wij aandachtig bidden,
opdat dit lichaam dat tot stof wederkeert,
-ocr page 465-
de H. Mis.                   459
eens ter verheerlijking moge opstaan;
moge het eens glorierijk uit dit graf
verrij/.en en met de ziel vercenigd, aan
Gods rechterhand geplaatst worden.
Het geloof zegt ons, dat de aarde tot
aarde terugkeert en het stof weer stof
zal worden, totdat alle vleesch tot zijne
oorspronkelijke heerlijkheid terugkeert.
Daarom mogen wij ook, o goede God,
in onze droefheid met vertrouwen op
uwe goedertierenheid smeeken, dat Gij
de ziel van onzen dierbaren medebroe-
der (zuster) dien (die) Gij uit dat bal-
lingsoord tot de ware woonplaats ge-
roepen hebt, vertroosten moogt met den
dauw* der hemelsche verkwikking. Laat
hem (haar) ver van de vlammen der
hel verwijderd, in de eeuwige rust der
zielen ingaan; en als zijne (hare) ziel nog
voldoening moet schenken aan uwe recht-
vaardigheid, vergeef haar dan hare fou-
ten en straffen, volgens uwe oneindige
barmhartigheid.
Laat ook ons dikwijls met ernstige
gedachten aan den dood en het oordeel
deze plaats betreden, overwegen wij dik-
werf, dat ook hier eens ons graf zal
zijn, waar wij ons na korteren of lan-
-ocr page 466-
460                Gebeden onder
geren tijd naast onze voorvaderen zullen
nederleggen, opdat wanneer onze en
hunne lichamen op dien grooten dag
uit de graven zullen opstaan, wij met
hen aan de rechterhand Gods mogen
geplaatst worden, die komen zal om te
oordeelen de levenden en de dooden.
Amen.
VOOR DE AFGESTORVEN OUDERS.
O God! die ons bevolen hebt vader
en moeder te eeren, ik volbreng dit ge-
bod van kinderlijke liefde ook na hun-
nen dood en bid u: vergeef mijneJieve
ouders die fouten, waarvoor zij om mij-
nentwille in het vagevuur lijden; vergeef
hun, wanneer zij uit te groote toege-
vendheid in het straffen te nalatig, of
om mijn tijdelijk vermogen te zeer be-
zorgd waren; bijzonder vergeef hun die
zonden, waartoe ik hen door mijne on-
gehoorzaamheid aanleiding heb gegeven.
Ik bid U, door het angstvol bloedzvveet
van uwen Zoon in den hof van Olijven,
dat Gij mij eens met mijne lieve ouders,
dddr voor uwen troon, voor eeuwig
moogt vereenigen. Amen.
-ocr page 467-
de H. Mis.                   461
VOOR AFGESTORVENE PRIESTERS.
Rechtvaardige Rechter! Gij, die strenge
rekenschap vordert niet alleen van onze
zielen, maar ook van allen, aan wier
zorgen wij toevertrouwd waren: ontferm
U over onze afgestorvene zielzorgers
en over allen die met hen aan ons
zielenheil hebben gearbeid; vergeef het
hun, wanneer zij uit zwakheid niet ge-
trouw genoeg waren aan hunne ver-
plichtingen; plaats hen daarboven in
het gezelschap der uitverkoren priesters,
opdat zij, die velen zullen onderwezen
hebben in de gerechtigheid, schitteren
als de sterren in alle eeuwigheid. Amen.
VOOR AFGESTORVENE BROEDERS
EN ZUSTERS.
Heer God, Schepper aller dingen! Gij
kendet ons voor dat wij geboren waren!
Zie genadig neder op onze broeders en
zusters, die hunne zielen aan U, hun-
nen Schepper hebben weergegeven; ver-
geet voor eeuwig de zwakheden en fou-
ten, die zij hier op aarde in hunne
zondige lichamen bedreven hebben; ge-
-ocr page 468-
462 Gebeden onder de H. Mis.
denk (fat zij uit het stof gevormd zijn,
en zie slechts op uw evenbeeld neder
dat Gij geschapen en verlost hebt. Door
Jezus Christus, onzen Heer. Amen.
QaS^
-ocr page 469-
G(otlvi\'mil\\ti^e Oefet\\ii\\gei\\
ter cerc van het
finööflijr; ^art oan Jpjiis in liri J?. Swramwl
örs jüfaaFS.
Aanbidding juin het Allerheiligste
Sacrament.
^jljïfi mijn liefderijke en almachtige Ver-
y^ losser, bevrijd mijn hart van alle
aardsche neigingen en zinnelijke harts-
tochten. Versier mijne ziel met uwe
heilige deugden, opdat zij in al haar
streven slechts U zoeke te beminnen,
U alleen te behagen: opdat mijn hart
op deze wijze zich voor U opene en
U uitnoodige uwe woonplaats daarin te
vestigen; tot dat ik eens dadr kome,
waar ik U in eene onverbreekbare ver-
eeniging aanschouwen en bezitten zal,
van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.
-ocr page 470-
464 Oefening tot het H. Hart
Verzuchtigen tot het Allcrh. Sacrament.
De II. Mechtildis.
AX-llÊf&ijn God en mijn Verlosser, Jezus,
i\'/jf waarlijk God en waarlijk niensch,
waardig offer van den Allerhoogste,
levend brood en bron des eeuwigen
levens!
Ik aanbid U uit geheel mijn hart in
uw heilig Sacrament, met het doel de
oneerbiedigheden, onteeringen en godde-
loosheden, die U in dit verheven Sacra-
ment worden aangedaan eenigermate
te vergoeden; ik werp mij voor uwe
Goddelijke Majesteit neder, om U te
aanbidden in naam van al degenen die
dezen heiligen plicht nooit vervuld heb-
ben, en ongelukkig nooit volbrengen
zullen. Ik wenschte u zooveel te ver-
heerlijken als deze allen te /.amen het
doen zouden, wanneer zij U eerbied
en dankbaarheid betoonden. O mocht
ik U zooveel liefde geven, als zij U
zouden bewezen hebben door alle eeu-
wen heen, wanneer zij daartoe in staat
geweest waren. Mocht ik U zoovele aan-
biddingen en lofprijzingen kunnen aanbie-
den, als de verdoemden in de hel geduren-
-ocr page 471-
in het H. Sacrament des Altaars \'465
de de eindelooze eeuwigheid vervloekin-
gen uitbraken.
Om deze aanbidding te heiligen en U
welgevalliger te maken, vereenig ik ze,
o mijn verlosser, met de aanbidding,
welke uwe H. Kerk in den hemel en op
aarde U steeds bewijst. Zie meer op de
gezindheid van mijn hart dan op de
woorden van mijnen mond. Ik wensch
U niet dezelfde liefde te beminnen, en
met dezelfde aanbidding te eeren, waar-
mede Maria, uwe allerzaligste Moeder,
en Koningin der hemelsche legerscharen,
U bemint en eert. Ja, ik wensch U die
liefde en aanbidding te bewijzen, welke
Gij uwen hemelschen Vader in dit ver-
heven Sacrament, waarin Gij zijn eeuwig
offer zijt, voortdurend bewijst; Gij die
leeft en regeert met God den Vader en
den H. Geest door alle eeuwen. Amen.
Litanie ter eere van het H. Sacratnent
des Altaars.
A-lf^Feer, ontferm U onzer!
-il Ghristus, ontferm U onzer!
Heer, ontferm U onzer!
Ghristus, hoor ons!
-ocr page 472-
466 Octcning tot het H. Hart
Christus, verhoor ons!
God, hemelsche Vader,
God Zoon, Verlosser der wereld,
God, Heilige Geest,
Heilige Drievuldigheid, één God,
Levend brood, dat uit den hemel
is nedergedaald,
Verborgen God en Heiland,
Spijs der uitverkorenen,
Wijn die maagden voortbrengt,
Kostbaar brood en vreugde der
koningen,                                            C
3
Altijddurende offerande,
Reine spijsofferande,
3
Lam zonder vlek,
Allerreinste Tafel des Heeren,
Spijs der Engelen,
                                 0
Verborgen manna,
Bovennatuurlijke zielenspijs,
Vleesch geworden woord,
Woord, dat onder ons woont,
Heilige hostie,
Kelk des heils,
Geheim des geloofs,
Verheven en hoogwaardig Sacrament,
Heiligste aller offeranden,
Waardig zoenoffer voor levenden en
afgestorvenen,
-ocr page 473-
in het H. Sacrament des Altaars. 467
Hemelsch geneesmiddel tegen alle
zonden,
Bewonderingswaardigste aller won-
deren,
Heiligste herinnering van het lijden
onzes Heeren,
Gave die alle volheid te boven gaat,
Bijzonder gedenkteeken der godde-
lijke liefde,
Overvloed der goddelijke goedheid,
Hoog heilig en eerwaardig geheim, O
Onderpand der onsterfelijkheid,
          s,
Schrikwekkend en levendmakend g
Sacrament,
                                   >3
Brood, dat door het almachtig 5^
woord vleesch geworden is,
            0
Onbloedige offerande,                          \'
Spijs- en gastheer te zamen,               3
Verkwikkend gastmaal, waaraan
de engelen dienen,
Band der liefde,
Offeraar en offerande,
Geestelijke zoetheid, die alle genoe-
gens in zich bevat,
Verkwikking der heilige zielen,
Teerspijs dergenen, die in den Heer
sterven,
Onderpand der toekomende glorie, \'
-ocr page 474-
468 Oefening tot het H. Hart
Wees ons genadig, spaar ons, Heer!
Wees ons genadig, verhoor ons Heer !
Van het onwaardig nuttigen van uw
Lichaam en Bloed,
Van de begeerlijkheid des vleesches,
Van de begeerlijkheid der oogen,
Van de hoogmoed des levens,
Van alle gelegenheid tot zondigen,
Door het verlangen om met uwe
leerlingen dit Paaschlam te eten,
Door de diepe ootmoedigheid, waar-
mede Gij de voeten uwer leerlin-
gen hebt gewasschen,
Door uw kostbaar bloed, dat Gij
ons op het altaar hebt achterge-
laten,
Door de vijf wonden van uw heilig
lichaam, die Gij voor ons hebt
ontvangen,
Wij, arme zondaars, wij bidden U ver-
hoor ons!
Dat Gij het geloof, den eerbied en
de godsvrucht jegens dit wonder-
baar Sacrament in ons wilt ver-
meerderen en bewaren,
Dat Gij ons door eene goede biecht tot
het dikwijls ontvangen der H. Com-
munie wilt voorbereiden,
-ocr page 475-
in het H. Sacrament des Altaars. 469
Dat Gij ons van ketterij, ongeloo-
vigheid en verblindheid des har-
ten wilt bewaren,
Dat Gij ons de kostbare en hemelsche
vruchten van dit II. Sacrament
wilt mededeelen,
Dat Gij ons in het uur van onzen
dood met deze hemelsche teerspijs
wilt versterken,
Zoon Gods,
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons Heer!
Lam Gods. dat wegneemt de zonden
der wereld, verhoor ons Heer!
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer, Heer!
Christus hoor ons!
Christus verhoor ons!
Heer, ontferm U onzer! Christus, ont-
ferm U onzer!
Heer, ontferm U onzer!
Onze vader. Wees gegroet.
V. Geloof en geprezen zij het allerhei-
ligste Sacrament des altaars!
fy. Van nu af tot in eeuwigheid.
*. Heer verhoor mijn gebed.
fy. En laat mijn geroep tot U komen.
-ocr page 476-
470         Oefening tot het H. Hart
Gebed.
O Heer, Jezus Christus, die bij het
terugkeeren tot uwen hemelschen vader,
dit Sacrament van uw Lichaam en Bloed,
aan uwe Kerk tot voedsel en tegelijk tot
troost hebt nagelaten; verleen ons, dat
wij U, dien wij nu onder deze gedaanten
verborgen, vereeren, eens in dehemelsche
glorie van aanschijn tot aanschijn mogen
aanschouwen; die leeft en regeert met
God den vader in de eenheid des
H. Geestes, God van eeuwigheid tot
eeuwigheid. Amen.
Aanbidding van het allerheiligste
Hart van Jezus.
Van do H. Gertrudis.
^j&k groet U, o heilig Hart van Jezus,
S3j< levende en levendmakende bron des
eeuwigen levens, oneindige schat der
Godheid, en brandende gloedoven der
goddelijke liefde ! Gij zijt mijn rustplaats,
en mijn toevluchtsoord. O mijn godde-
lijke verlosser, ontvlam mijn hart met
de vurige liefde, waarmede uw Hart
ontstoken is. Stort in mijn hart de groote
-ocr page 477-
in het H. Sacrament des Altaars. 471
genaden uit, waarvan Gij de bron zijt,
en maak, dat mijn hart zich zoo met
het uwe vereenige, dat uwe wil de mijne,
en dat mijn wil voor eeuwig aan den
uwe gelijkvormig zij; want ik wensch
voortaan uwen heiligen wil tot richtsnoer
van al mijne wenschen en handelingen
te maken. Amen.
Paus Pius VII heeft aan allen, die een beeld
van liet H. Hart van Jezus, dat tot openbare
vereering is uitgesteld, bezoeken, telkenmale een
aflaat van 7 jaren en 7 maal veertig dagen ver-
leend, wanneer zij volgens de meening van zijne
Heiligheid eenigen tijd bidden.
Toewijding aan het H. Hart van Jezus.
Van de zalige II. Margaretha Alacoquc.
jjftk N. N. wijd aan het Heilig Hart
Sjg van onzen Heer Jezus Christus toe
mijn persoon, mijn leven, mijne hande-
lingen, mijne moeilijkheden, mijn lijden,
om in de toekomst geheel en al tot
Zijne liefde en verheerlijking te doen
dienen. Het is mijn vast, onwederroe-
pelijk besluit, Hem gansch toe te be-
nooren, alles uil liefde tot Hem te ver-
richten en van ganscher harte aan alles
-ocr page 478-
472        Oefening tot het H. Hart
te verzaken wat dit goddelijk Hart mis-
hagen kan.
Daarom kies ik U, o heiligste Hart,
tot eenig voorwerp mijner liefde, tot be-
schermer mijns levens, tot verzekering
mijns heils, tot steun mijner zwakheid,
en tot vergoeding voor alle zonden van
mijn geheel leven. O Hart vol mildheid
en goedheid! wees Gij ook mijn zeker
toevluchtsoord in het uur des doods,
wees -Gij mijn voorspreker bij God, en
wend de straffen zijner rechtvaardige
gramschap van mij af. ü Hart vol
liefde, op U stel ik geheel mijn ver-
trouwen; ik vrees alles van mijne boos-
heid, maar ik hoop ook alles van uwe
goedheid! Verdelg in mij alles wat U
mishagen kan. Dat uwe zuivere liefde
zich zoo diep in mijn hart vestige, dat
ik U nooit vergete, noch ooit van U
gescheiden worde. Goddelijk Hart, ik
bezweer U dooi uwe oneindige goed-
heid, laat mijn naam diep in Ü gegrift
zijn, want in uwen dienst wil ik leven
en sterren. Amen.
-ocr page 479-
in het H. Sacrament des Altaars. 473
Litanie ter ecre van het Goddelijk
J/art van Jezus.
igPTpeer, ontferm U onzer !
\'dEL Christus, ontferm U onzer!
Heer, ontferm U onzer!
Christus, hoor ons!
Christus, verhoor ons!
God, hemelsche Vader,
God Zoon, Verlosser der wereld,
God, heilige Geest,
Heilige Drievuldigheid, ée\'n God,
Hart van Jezus, Zoon des eeuwigen
Vaders,
Hart van Jezus, Zoon der onbevlek-
C
3
te Maagd,
Hart van Jezus, tempel der goedheid!
Hart van Jezus, waarin zich alle
rijkdommen der wijsheid en we-
tenschap Gods bevinden!
Hart van Jezus, waarin de hemel-
sche Vader zijn welbehagen ge-
nomen heeft,
Hart van Jezus, schat de goddelijke
genade,
Hart van Jezus, onuitputtelijke bron
der hemelsche goederen,
-ocr page 480-
474          Oefening tot het Hart
Hart van Jezus, zee van vlammen
der goddelijke liefde.
Hart van Jezus, dat onze verzoe-
ning met God bewerkt heeft,
Van liefde brandend Hart van Jezus,
Standvastig en eeuwig beminnend
Hart van Jezus,
Weldoend Hart van Jezus,
Hart van Jezus, vol van barmhar-
tigheid,
Zachtmoedig Hart van Jezus,
Ootmoedig Hart van Jezus,
Geduldig Hart van Jezus,
Gewond Hart van Jezus,
Bedroefd en beangstigd Hart van
Jezus,
Hart van Jezus met zonden beladen,
Hart van Jezus, onze spijs en ons
dagelijksch offer,
Hart van Jezus, vreugde der Engelen,
Hart van Jezus, rustplaats der vrome
zielen,
Hart van Jezus, zoetheid der zui-
vere zielen,
Hart van Jezus, toevlucht der zon-
daren,
Hait van Jezus, de hoop der men-
schen,
-ocr page 481-
in het H. Sacrament des Altaars. 475
Hart van Jezus, verkwikking der
kranken,
Hart van Jezus, troost der sterven-
den,
Hart van Tezus, zaligheid der uit-
verkorenen,
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons, Heer!
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, verhoor ons, Heer!
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer, Heer!
V Jezus zachtmoedig en ootmoedig
van harte,
fy Maak mijn hart gelijkvormig aan
het uwe.
GEBED.
Almachtige God, dewijl wij in het
heiligste Hart van uwen geliefden Zoon
alle goed vinden, en in hetzelve de
voortreffelijkste weldaden Zijner liefde
jegens ons vereeren, zoo bidden wij U,
verleen ons de genade, dat wij ons niet
alleen over deze weldaden verheugen,
maar ze ook tot ons heil aanwenden,
door denzelfden Jezus Christus, Uwen
Zoon, onzen Heer. Amen.
-ocr page 482-
99999999999�
G{ e h e tl e i\\
OP DE
—S-s-4—
Öj# //e/ /^.tf £W« O. Z. Vrouw Lichtmis.
\'*(Êiï wat een troost en vreugde tegelijk,
)«Ü gevoeklet Gij in uw Hart o maag-
delijke Moeder, toen Gij met het god-
delijk Kind den tempel binnengingt,
waar Gij aan God uwe maagdelijkheid
ten offer gebracht hadt. Toen waart Gij
Maagd en Moeder tegelijk. O wees van
mij gegroet, evenals Simeon en Anna
U als moeder van den Verlosser in den
tempel gegroet hebben. Die groet heeft
grootelijks uw hart verheugd; maar ook
welk een zwaard doorboorde spoedig
daarop uwe teedere ziel toen Gij het Kind
aan God opofferdet voor het heil der
-ocr page 483-
feestdagen van Maria.           477
wereld, wel wetende, welken dood het
eenmaal daarvoor zou ondergaan; te
meer nog toen U dat zwaard van droef-
heid door Simeon voorzegd werd.
O, ter wille van de vreugde en de
smart, die eens op dezen dag uw Hart
vervuld hebben, en die Gij in volkomen
overgeving aan Zijnen wil Gode hebt
opgeofferd, geef dat ook mijn hart zoo-
wel in droefheid als in vreugde zich aan
God overgeve, en steeds bereid zij, in
alles slechts datgene te doen, wat God
wil, gelijk God het wil, omdat God
het wil, wanneer God het wil, tot zijne
eer, naar zijn voorbeeld, door zijne
liefde en zijne genade. Amen.
Op het feest der zeven smarten van Maria.
In den vastentijd.
QKieder geheim van uw leven, godde-
i\'yk lijke Moeder, spreekt tot ons hart,
en herinnert ons aan het uwe; niets
treffender dan U te aanschouwen in
dezen lijdenstijd, en vooral op dezen
dag. Droefheid en medelijden verwekt
in ons het aanschouwen van uw hart,met
een zevenvoudig zwaard doorboord; maar
-ocr page 484-
478             Oefeningen op de
ook geeft het ons hoop en vertrouwen.
O moederhart van Maria, voor mij door
smarten van liefde gewond, wees van
mij gegroet! Ik groet U met kinderlijke
liefde, evenals de II. Johannes onder
het kruis, toen Jezus sprak: <Ziedaar
uw Zoon."
O Moeder Maria, zie met
uw moederlijk hart op mij neder; aan-
schouw uwen Zoon (uwe dochter) neem
mij, gelijk uw goddelijke Zoon het wil,
tot uw kind aan. Erbarm U over mij,
en vergeet mij niet, voor wien het kost-
baar bloed uws Zoons van het kruis
gevloeid heeft. Wie gevoelt geen droef-
heid en medelijden, als hij U, o Moeder,
in zulke smarten aanschouwt. Ter wille
der smart die gij leedt, toen Gij het
doode lichaam van uwen Zoon van het
kruis op uwen schoot ontvingt en zijn
Hart aan het uwe druktet, ontsteek in
mijn hart een waar medelijden met uw
lijden en dat van uwen Zoon; moge ik
het steeds wel beseffen tot welken prijs
ik vrijgekocht ben, om voortaan met
Hem en U den weg des lijdens tot het
einde te bewandelen, en eens in uwe
armen, o Moeder, mijn leven te eindigen.
O ter liefde van uw smart, liefdevolle hart,
-ocr page 485-
feestdagen van Maria           479
verhoor mij, laat toch de smarten van
uw maederhart voor mij niet te vergeefs
geleden zijn. Amen.
Op het feest van Maria boodschap.
$/(£& dag van zalige vreugde, waarop
j5^| de Engel des Heeren in hemelschen
glans door God gezonden, U, Maria,
verheugd heeft met de blijde boodschap
der verlossing! Gegroet zijt Gij, Maria,
zoo roepen wij U allen jubelend toe met
den groet des Engels: Gij zijt vol van
genade^ de Heer is met U!
Gij zult eenen
Zoon ter wereld brengen, Dien Gij Jezus
zult noemen; Hij zal de Zoon des Aller-
hoogste zijn; Gij zult de Moeder van
God worden.
O hoe heeft zich uw hart verheugd
bij dezen groet? Welke zalige vreugde
genoot Gij, toen God de H. Geest over
U nederkwam en Gij de Moeder werdt
van onzen Heer Jezus Christus. Daar-
over jubelt heden ook mijn hart, en het
deelt in de vreugde van het uwe.
ü gegroet zijt Gij, uitverkoren Hart
van Maria! Gij zijt vol van genade, de
Heer rust in U. Gij zijt gebenedijd
-ocr page 486-
480              Oefeningen op de
onder alle harten, en gebenedijd is het
hart, dat onder het uwe rust.
O Hart der Moeder Gods, bid voor
mijn arm zondig hart, nu en wanneer
het eens voor de laatste maal zal
slaan in het uur des doods, dat ik in
dat uur de blijde boodschap moge ont-
vangen, spoedig bij U te zullen zijn
met den H. Gabriël en alle heilige
Engelen. Ter liefde van uw heden zoo
gelukkig Hart, verhoor mij, o Maagd en
Moeder Gods Maria! Amen.
Op het feest van Maria bezoeking.
■ËJOy^ij zien U heden, o allerzaligste
» v\'W\' Maagd over de bergen tot Eli-
sabeth gaan, door de liefde gedreven,
die uw hart vervulde, en gelijk eens de
Engel, zoo ook groet nu Elisabeth U
als de Moeder des Heeren «Gegroet
zijt gij, Maria, vol van genade, gij zijt
gebenedijd onder de vromueu."
Hoezeer
deze groet uw Hart verheugd heeft, ge-
tuigt het loflied dat Gij toen hebt aan-
geheven, en dat de H. Kerk dagelijks
in lof- en dankgebeden ten hemel zendt.
ti Mijne ziel, zoo zongt gij, mijne ziel
-ocr page 487-
feestdagen van Maria.          481
verheerlijkt den Heer, en mijn geest
heeft zich in God, mijn hei/, verheugd;
omdat Hij op de nederigheid zijner dienst-
maagd heeft neergezien, en mij groot
gemaakt heeft, Hij die machtig is, en
wiens naam heilig is! Zie, van nu af
zullen alle geslachten mij zalig prijzen."
O Moeder van God, hoe heerlijk is
dit woord in U bewaarheid: door alle
eeuwen heen hebben alle ware kinderen
der genade U zalig geprezen. Wees
van mij gegroet, vreugdevol Hart van
Maria, met den groet waarmede Elisa-
beth U heden geëerd heeft, met den
groet van alle harten die U beminnen!
Zie, hoe alle geslachten uw hart nu lo-
ven en zalig prijzen. O, neem dezen
groet van mij aan, en heilig mijne ziel
door de genade uwer bezoeking, gelijk
Gij heden Johannes geheiligd hebt. Ma-
ria, mijne moeder, verhoor mijn gebed.
Amen.
Op hel feest van Maria Hemelvaart.
^BgjJI\'aria! wat vreugde en gejubel
ïgjpjj, heerscht heden in den hemel: het
is de dag uwer glorierijke intrede in
31
-ocr page 488-
482              Oefeningen op de
het rijk van uwen Zoon, in het rijk
der goddelijke vreugde en zaligheid!
O Wees gegroet, Maria, vol van genade
en heerlijkheid, vol glans en majesteit,
vol van de innigste vreugde des harten.
O, wees van mij gegroet, allerzaligst
Hart, gelijk heden het gansch hemelrijk
U begroet, en gelijk uw goddelijke Zoon
U, zijne Moeder, op dezen dag bij uwe
komst in zijn rijk begroet en ontvan-
gen heeft.
O mijn hart verheugt zich over het
geluk dat het uwe op dezen dag onder-
vond en over de zaligheid, die het
eeuwig geniet. Maar, o Maria, mijne
moeder, verhoor mijn gebed: laat mij
eens deelnemen aan de heinelsche vreug-
de uws harten. Daarom bid ik U heden
met die vurigheid en levendigheid, waar-
mede de H. Stanuslaus U eenmaal ge-
beden heeft en dien Gij eens op dezen
dag ten hemel opgenomen hebt. Ver-
hoor nu ook mij gelijk Gij hem ver-
hoord hebt. Daarom bid ik U, o Konin-
gin des hemels ter wille der vreugde,
die uw hart op den dag uwer hemel-
vaart bezield en eeuwig zalig gemaakt
heeft. Amen.
-ocr page 489-
feestdagen van Maria.          483
Op het feest der geboorte van Maria.
\\TT\'jP:ees van mij gegroet, minzaam
^0/ypf- Kind! Welk een vreugdefeest is
uwe geboorte voor ons, o Maria, blijde
morgenrood aan den hemel der genade!
ü zeker, als wij U als Kind aanschou-
wen en bedenken, wie Gij zijt, en wat
Gij eens wezen zult in het rijk der ge-
nade, dan jubelt ons hart, en groet U
met den groet des vredes, dien ook
heden de Kerk U toeroept, als zij zingt:
mee geboorte, heilige Moeder Gods,
heeft de gansche wereld met vreugde ver-
vuld, wijl uit U Christus geboren is, de
zon der gerechtigheid, die ons van den
dood der hel verlost heeft.
Ja, uwe ge-
boorte heeft de gansche wereld met
vreugde vervuld; zij heeft God zelf ver-
heugd, het gansche hemelrijk, de heilige
Engelen, wier koningin Gij zijt, en vooral
ons uwc kinderen, omdat (jij de moe-
der van onzen verlosser en onze moe-
der zijt. O Wees van mij gegroet, Maria,
(jij zijt vol van genade, en ik groet
voor alles uw teeder, zoet hart met die
vreugde waarmede de H. Anna U he-
den aan haar moederhart gedrukt heeft.
-ocr page 490-
484             Oefeningen op de
O welk geluk, welk eene vreugde,
dat dit heilig en zuiver Hart, dat mij
en alle kinderen der menschen met de
teederste liefde omvat, heden op aarde
begint te leven. Nu zal spoedig een
tweede Hart beginnen te leven, dat allen
menschen, die van goeden wil zijn,
heil en verlossing aanbrengt. Geef,
o Maria, mijne moeder, dat ik als een
rechtgeaard kind van God, door de
genade van Jezus Christus rijkelijk deel
hebbe aan uwe vreugdevolle geboorte.
Daarom bid ik U, ter wille der liefde
van uw Hart, dat in de geboorte reeds
zoo rijk met genaden is vervuld ge-
worden. Amen.
Op het Naamfeest van Maria.
^ngj&aria! o troostvolle, zoete, heilige
JSePA naam. Voorzeker als de apostel van
Jezus zegt: tGod heeft Hem een naam
tgegeven, die boven alle namen
«, opdat
tin den naam van Jezus alle knie zich
tbuige, en alle tong belijde^ dat Christus
tin de glorie des Vaders is;
zoo moet men
»ook van U, allerzaligste maagd, zeggen:
>God heeft U een naam gegeven, die
-ocr page 491-
feestdagen van Maria.          485
»na den naam van Jezus, boven alle
>namen is; dat ieder hart in dezen hei-
ligen naam van liefde kloppe en alle
»tong belijde dat Maria in de glorie
»van haren Zoon is."
O, dat wij altijd dezen naam met
eerbied uitspreken! Alles zal God ons
doen toekomen als het ons tot heil strekt,
omdat Gij de moeder des Zoons zijt,
door Wien God ons alles gegeven heeft.
Wees dan van mij geloofd, heilige, zoete
naam Maria! en in dezen naam ook
uw zoet Hart. Het is immers de liefelijke
naam van uw heilig, zoet en teeder
Hart, o Maria! In dezen naam prijs ik
U, o uitverkoren Hart! in alle voorrech-
ten der macht en der genade, welke
deze naam in zich besluit.
O, om de liefde van uw Hart en de
macht van uwen naam, laat mij steeds
uw kind zijn en geef dat ik mij altijd
volgens uwen naam een waar kind van
Maria moge noemen! Amen.
Op het feest van Rozenkrans-Zondag.
p feestelijke wijze gedenken wij U,
o Maagd Maria, en wij vereeren
-ocr page 492-
4S6               Oefeningen op de
U heden door het schoone en zalige
gebed van den H. Rozenkrans. Deze
godsvrucht heeft menigmaal op wonder-
bare wijze Gods zegen over de wereld
doen nederdalen. Met is billijk, dat wij
U daarvoor loven en prijzen, o Maria!
als wij den oorsprong en het wezen van
den Rozenkrans bedenken; hoe gaarne
moeten wij U dan door dit gebed ver-
eeren ! wat zal ons aangenamer en zoeter
zijn, dan U te begroeten met de woorden
van den Engel, en daarbij aan de groote
geheimen der verlossing te denken!
ü! dat dit gebed als een krans van
rozen, dien ik U aanbied, tot uwen lof
en vereering strekke! Geef mij echter
ook, o mijne moeder, tot loon een krans
van deugden en genaden, die mijne ziel
hier op aarde versieren en dat mij eens
door uwe voorspraak de krans der vreug-
de des hemels verleend worde. Amen.
Op het feest der Opoffering van Maria,
lf|Ploen ë\'j n°g slechts een kind van
TiJs drie jaren waart bevondt Gij U reeds
in den tempel; o Maria, welk was daar
uw verlangen? ü zetel der wijsheid!
-ocr page 493-
feestdagen van Maria.           487
in het volle bezit van uw verstand, wijdt
Gij uw Hart tot een volmaakt offer aan
God, uwen schepper. Ja, geheel en al
zal het Hem toebehooren, die het voor
zich geschapen heeft. O wees van mij
gegroet met den groet van het goddelijk
welbehagen, waarmede God, de Vader,
de Zoon en de H. Geest heden uw offer
aangenomen, en uw Hart tot een heiligen
tempel gewijd heeft, waarin Gods Eenig-
geboren Zoon eens wonen zal.
O zalige tijd, toen Gij, levende ark
des verbonds, in de nabijheid des tem-
pels met zooveel vurigheid naar de
komst van den goddelijken Verlosser
verlangd hebt! Geef, o Maria, dat ik
met uwen bijstand steeds ijverig met
de genade Gods medewerke, en mij
geheel en al gelijk Gij aan mijnen god-
delijken Verlosser toewijde.
Daarom bid ik U, terwille der liefde
van uw teeder Hart, dat zich in de
eerste jaren reeds aan God heeft opge-
offerd. O Maria, mijne moeder, verhoor
mijn gebed. Amen.
-ocr page 494-
488              Oefeningen op de
Op het feest der Onbevlekte Ontvangenis
van A/aria.
féÈR rein en zuiver Hart der onbevlekte
j^J Maagd en Koningin des hemels!
ik groet U op dezen voor U en uwe
kinderen zoo vreugdevollen dag! Gebe-
nedijd zij uwe Ontvangenis! Zonder erf-
smet zijt Gij ontvangen allerzuiverste
Hart! Gij waart reeds vol van genade,
reiner dan de hemelen, zuiverder en
heiliger dan de hemelsche geesten.
Ik grcet U met vreugde en dankbaar-
heid, gelijk deze in uwe onbevlekte Ont-
vangenis, als hunne Koningin begroet
hebben!
Geef, o onbevlekte Maagd en Moeder,
ter wille der reinheid van uw Hart, dat
ook mijn hart in de volmaakste heiligheid,
zonder zondesmet, U navolge in al uwe
deugden, dat het steeds bewaard en
beschermd worde, door uwe machtige
voorspraak, o onbevlekte, reinste Maagd
Maria! Amen.
Op heffeest der Bescherming van Maria.
4ff3foder uwe bescherming nemen wij
jflgü onze toevlucht, o zoet Hart van
-ocr page 495-
feestdagen van Maria.           489
Maria? Verstoot onze gebeden niet in
in onzen nood.
O hoe troostvol voor ons, dat wij tot
U onze toevlucht kunnen nemen. Als
kinderen gaan wij tot de machtigste,
goedertierenste en teederste der moeders.
Wie zou er aan kunnen twijfelen, dat
Gij ons helpen kunt? Gij zijt immers
de moeder van den Almachtige! Wie
zou ooit kunnen twijfelen, dat Gij ons
helpen wilt? Uw teeder en goedertieren
Hart waarborgt ons daarvoor. Uw Hart
is het, dat ons met vertrouwen tot U
onze toevlucht doet nemen.
Ik groet U, o dierbaar pand van
Maria\'s liefde. Ik vertrouw op U, o mijne
Moeder; ter wille van uw moederhart
verhoor het gebed van uw kind, dat in
zoovele gevaren naar ziel en lichaam
tot U zijne handen uitstrekt. Red mij,
Maria; ter wille van uw medelijdend
Hart, verhoor mij, totdat ik eens aan-
lande bij U in den Hemel, door uwe
machtige hulp en uwe moederlijke be-
scherming, o Maria. Amen.
»»-©g-§@~«"
-ocr page 496-
5p:.: : . r                 \':-.-■.-               .---■.. : :              ; f . \'                               . : sf
Liianiën en Gebeden
TER EERE VAN /WARIA.
Litanie van Lorette.
Mfiffieer, ontferm U onzer!
J^^E Christus, ontferm U onzer!
Heer, ontferm U onzer!
Christus, hoor ons!
Christus, verhoor ons!
God, hemelsché Vader,                      \\ c
God Zoon, verlosser der wereld, \\ c|
God, Heilige Geest,                            ) ?
Heilige Drievuldigheid, één God,
Heilige Maria, bid voor ons.
Heilige Moeder Gods,
Heilige maagd der maagden,
Moeder van Christus,
Moeder der goddelijke genade,
Allerreinste moeder,
Allerzuiverste moeder,
Üngeschondene moeder,
Onbevlekte moeder,
-ocr page 497-
en Gebeden.                  491
Zeer minnelijke moeder,
Zeer wonderbare moeder,
Moeder des Scheppers
Moeder des Zaligmakers,
Allervoorziehtigste maagd,
Eerwaardige maagd,
Lofwaardige maagd,
Machtige maagd,
Goedertierene maagd,
Getrouwe maagd,
Spiegel der rechtvaardigheid,
Stoel der wijsheid,
Oorzaak onzer blijdschap,
Geestelijke vat,
Verheven vat,
Schoon vat van godsvrucht,
Geestelijke roos,
Toren van David,
Ivoren toren,
Gulden huis,
Ark des verbonds,
Deur des hemels,
Morgenster,
Behoudenis der kranken,
Toevlucht der zondaren,
Troosteres der bedrukten,
Hulp der Christenen,
Koningin der Engelen,
-ocr page 498-
Litaniën
492
Koningin der Patriarchen,
Koningin der Profeten,
Koningin der Apostelen,
Koningin der Martelaren,
Koningin der Belijders,
Koningin der Maagden,
Koningin van alle Heiligen,
—
I
o
3
Koningin zonder erfsmet ontvangen,
Koningin van den allerheiligsten
Rozenkrans,
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons Heer!
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, verhoor ons, Heer!
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm u onzer, Heer!
Christus hoor ons!
Christus verhoor ons!
Heer, ontferm u onzer!
Christus ontferm u onzer!
Heer, ontferm u onzer!
Onze vader, — Wees gegroet.
Onder uwe bescherming nemen wij
onze toevlucht, o heilige Moeder Gods,
verstoot onze gebeden niet in onzen
nood, maar verlos ons altijd van alle
gevaren, o glorierijke en gezegende
-ocr page 499-
en Gebeden.                493
maagd; onze Vrouwe, onze Middelares,
onze Voorspreekster: verzoen ons met
uwen Zoon, vertoon ons aan uwen Zoon,
beveel ons aan uwen Zoon.
if. Bid voor ons, o heilige moeder Gods.
\'Be. Opdat wij de beloften van Chris-
tus waardig worden.
GEBED.
Wij bidden U, o Heer, stort uwe ge-
naden in onze harten, opdat wij, die
door de boodschap des Engels de mensch-
wording van Christus uwen Zoon gekend
hebben, door zijn lijden en kruis ge-
bracht worden tot de glorie der verrij-
zenis; door denzelfden Christus, onzen
Heer. Amen.
x. Bid voor ons, o allerheiligste Joseph.
Ijs. Opdat wij de beloften van Chris-
tus waardig worden.
GEBED.
Wij bidden U, o Heer, help ons door
de voorspraak van den Bruidegom uwer
allerheiligste Moeder, opdat, wat wij
door ons zelve niet vermogen, ons door
-ocr page 500-
494                     Litaniën
zijne voorspraak gegeven worde, Gij
die leeft en regeert, God van eeuwig-
heid tot eeuwigheid. Amen.
Aan het aandachtig bidden van deze Litanie
is telkens een aflaat van 300 dagen verleend,
toevoeglijk aan de zielen in het vagevuur.
Gebed tot de allerheiligste Maagd om
door hare bescherming de deugd der
kuischheid te bewaren.
*tyf52 mijne Meesteres, o mijne Moeder!
5$i| ik offer mij geheel aan U op, en
om U mijne genegenheid te toonen, wijd
ik heden mijne oogen, mijne ooren, mijn
mond, mijn hart en mij zelven geheel
en al aan U toe. Dewijl ik hierdoor de
uwe ben geworden, o goede Moeder,
bewaar en bescherm mij als uw eigendom.
100 dagen afl. eenmaal daags, P. Pius IX, 1851,
Gebed in de bekoring.
JV?t mijne Meesteres, o mijne Moeder,
Md1, gedenk dat ik U toebehoor. Be-
waar en bescherm mij als uw eigendom.
Ieder maal 40 dagen aflaat, P. Pius IX,
-ocr page 501-
en Gebeden.                  495
Liefdeverbond met Maria.
\'fflSSL gebenedijde en vereerenswaardigste
j^g? Maagd Maria, Gij verdient, dat ik
U alle oogenblikken mijns levens sehen-
ke, en U nooit vergete. Laat mij daarom
met U een verbond sluiten, dat ik bij
elke beweging mijns lichaams vernieuwe
en bevestige door het allerzoetste Hart
van Jezus, uwen Zoon.
O Maria, zoo dikwijls als ik mijn
hoofd beweeg zal dit beteekenen, dat ik
met hart en mond wil zeggen: ü Maria
zie mij hier aan uwe voeten! Ik ben,
geheel de uwe met lichaam en ziel!
Zoo dikwijls ik mijne oogen naar iets
wend, dan is dat alsof ik verzuchtte:
O Maria, dat ik U toch eenmaal aan-
schouwen, en mij eeuwig met U ver-
heugen moge.
Zoo dikwijls zich mijne tong beweegt
om spreken, beteekent dit, alsof ik zeide:
O Maria, ik verlang U te loven, te prij-
zen en te verheerlijken met alle van
liefde brandende Seraphijnen, met alle
heiligen die U beminnen, in al mijn
doen en laten zooveel ik het vermag.
-ocr page 502-
496
Litaniën
Zoo dikwijls ik adem, zal dit zooveel
zijn alsof ik bad: O Maria, bewaar in
mij (door uwe voorspraak) den adem
des levens, de heiligmakende genade op-
dat ik dan voor goed beginne U als
mijne moeder te beminnen.
Bij eiken polsslag, zal ik door U God
om vergiffenis mijner zonden bidden.
O kon ik de zonden die ik tegen uwen
goddelijken Zoon en tegen de eer van
uwen naam begaan hebt, met mijn
bloed uitwisschen!
Zoo dikwijls mijn hart klopt, zoo
dikwijls dank ik U voor alle genaden
en weldaden, door uwe tusschenkomst
van God ontvangen, en bid ik slechts
om deze genade, dat Gij ook in de toe-
komst mijne moeder zijn wilt. En zoo
dikwijls ook wil ik U beminnen, o be-
minnenswaardige en altijd heilige Maagd,
die ons met eene onovertreffelijke liefde
omvat. Ik bemin U en verlang de krach-
ten aller schepselen te bezitten, om U
op het vurigst te beminnen.
Met de liefde van Uwen Jezus, en
met de liefde vim al uwe kinderen hier
op aarde bemin en eer ik U na God
boven alles. Ja, ik bemin U, o Maria,
-ocr page 503-
en Gebeden.                 497
en in uwe liefde verlang ik te sterven.
Zoo dikwijls eindelijk mijne handen of
voeten zich bewegen, zoo dikwijls ook
offer ik U door de handen van mijn
patroonheilige den ernstigen wil op, alles
ter eere van uwen heiligen naam te lijden,
alles uit liefde tot U te doen en te laten.
Welaan, o liefderijke Moeder, ik bid
U, bekrachtig dit liefdeverbond met het
zegel der geopende wonde der zijde van
uwen goddelijken Zoon, en onderteeken
het met het bloed van Zijn allerheiligste
Hart, en met de tranen, die Gij voor
mijne zaligheid gestort hebt. Zoo ben
en blijf ik de uwe, en zijt en blijft Gij
mijne moeder, o Maria, en na God mijn
al! Amen.
Drie gebeden van de H. Mechtildis tot
O. L. Vrouw, om eenen zaligen dood.
1. O Heilige Moeder Gods Maria,
dewijl God door zijne almacht U boven
alle schepselen verheven en U met groote
macht bekleed heeft, zoo bid ik Ü, dat
Gij mij in het uur van sterven bijstaat
en alle vijanden van mij afwendt. Amen.
Wees Gegroet Maria.
32
-ocr page 504-
Litaniën
498
2.    O Heilige Moeder Gods Maria,
gelijk God U eene zoo groote kennis
van de allerheiligste Drievuldigheid ge-
geven heeft, als geen heilige ooit gehad
heeft, verleen zoo ook aan mijne ziel
in het uur des doods eene zoodanige
kennis en zulk een licht des geloofs, dat
zij in geen dwaling en twijfel vervalle.
Amen.
Wees gegroet Maria.
3.    O Heilige moeder Gods Maria,
gelijk God, de H. Geest, de zoetheid
Zijner liefde in zulke mate in U heeft
uitgestort, dat Gij de moeder der schoone
liefde genoemd wordt, zoo stort in het
sterfuur ook in mij de zoetheid der
goddelijke liefde, opdat mij dan alle
bitterheid zoet en alle zwarigheid licht
worde. Amen.
Wees gegroet Maria.
De moeder Gods leerde deze gebeden aan de
H. Mechtildis, en voegde er bij, dat zij liem, die
deze gebeden dagelijks met godsvrucht bad, in
het sterfuur bijstaan en beschermen zoude.
Gebed om eenen zaligen dood.
Maria, zonder zonde ontvangen,
bid voor ons, die tot U onze toe-
-ocr page 505-
en Gebeden.                  499
vlucht nemen! O toevlucht der zondaren,
o moeder der stervenden, verlaat ons
niet in het uur van onzen dood, maar
verkrijg ons een volmaakt berouw, een
oprecht leedwezen en de vergiffenis
onzer zonden; geef dat wij de laatste
teerspijs waardig ontvangen en gesterkt
mogen worden door het H. Oliesel, opdat
wij in volkomen zekerheid voor den
troon van den rechtvaardigen maar ook
barmhartigen Rechter, onzen Heer en
Verlosser verschijnen mogen. Amen.
100 dagen aflaat eenmaal daags.
Gebed tot onze lieve Vrouw van Lourdes.
ijSy^ees eeuwig gebenedijd, geloofd,
S»pPWr bemind, vereerd en aangeroepen,
o heilige Maria, die met zooveel liefde,
overvloed van genaden uitstort over de
zoo bevoorrechte grot van Lourdes.
O wees altijd onze moeder, onze hoop,
onze troosteres hier op aarde en onze
koningin in de hemelsche gelukzaligheid.
Amen.
Gebenedijd zij de heilige en onbe-
-ocr page 506-
500                      Litanicn
vlekte ontvangenis der allerzaligste Maagd
Maria.
ioo tingen aflaat icdermaal.
Zoet hart van Maria, wees mijn heil!
300 dagen aflaat iedermaal.
Gebed van de H. Gertrudis.
£pk groet U, reinste lelie der allerhei-
-•;£!<. ligste Drievuldigheid, en evenbeeld
harer heerlijkheid! Ik groet U, o Maagd
Maria, schitterende roos, prijkende in
hemelsche schoonheid, want uit U is de
Koning des hemels voortgekomen, Dien
Gij met uwe zuivere melk gevoed hebt;
voed ook onze zielen met den overvloed
der goddelijke genade. Amen.
Litanie van het onbevlekt Hart van Maria.
i^IWeer, ontferm u onzer!
XJt Christus, ontferm u onzer!
Heer, ontferm u onzer!
Christus, hoor ons!
Christus, verhoor ons!
God hemelsche Vader! ontferm U onzer.
God, zoon verlosser der wereld, ontferm
U onzer.
-ocr page 507-
en Gebeden.                   501
God heilige Geest! ontferm U onzer.
Heilige Drievuldigheid één God! ont-
ferm U onzer.
Heilig Hart ven Maria, bid voor or.s!
Hart van Maria, volgens het Hart
van God,
Hart van Maria, vereenigd met het
Hart van Jezus,
Hart van Maria, harp van den
H. Geest,
Hart van Maria, heiligdom der
H. Drievuldigheid,
Hart van Maria, tabernakel van
het menschgeworden woord.
Hart van Maria, van het begin af
zonder vlekken,
Hart van Maria, vol van genade,
Hart van Maria, onder alle harten
gebenedijd,
Hart van Maria, troon der glorie,
Hart van Maria, afgrond van oot-
moedigheid,
Hart van Maria, brandoffer der god-
delijke liefde,
Hart van Maria, niet Christus den
gekruisigde aan het kruis gehecht,
Hart van Maria, troost der bedrukten,
Hart van Maria, toevlucht der zon-
-ocr page 508-
502                    Litanicn
daren,
Hart van Maria,hoop der stervenden,
Hart van Maria, zetel der barm-
hartigheid,
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons, Heer.\'
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, verhoor ons, Heer!
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer.
V. Maria zoo rein, milddadig en oot-
moedig !
Hf. Maak mijn hart gelijkvormig aan
het Hart van Jezus!
GEBED.
ip^armhartige God, die tot heil der
-dËp zondaren, en tot steun der zwak-
ken, het onbevlekt Hart der allerzaligste
Maagd Maria in liefde en barmhartig-
heid aan het goddelijk Hart van Jezus
Christus hebt willen gelijkvormig maken,
verleen ons, dat wij die dit zoete en
liefdevolle Hart vereeren, door de ver-
diensten en voorspraak der allerheiligste
Maagd zelf gelijkvormig mogen bevon-
den worden aan het Hart van Jezus;
-ocr page 509-
en Gebeden.                 503
door denzelfden Jezus Christus, onzen
Heer. Amen.
In uwe Ontvangenis, o Maagd Maria,
zijt Gij zonder vlek gebleven; bid voor
ons den Vader, wiens Zoon Jezus, van
den H. Geest ontvangen, Gij gebaard
hebt.
Schietgebeden.
Onbevlekt Hart van Maria,bid voor ons!
Iedermaal 100 dagen aflaat.
Heilige Moeder Gods, gedenk mijner!
(H. Franciscus Xav.)
Ik schenk U mijn hart, Moeder van
mijnen Jezus, Moeder der liefde.
Iedermaal 300 dagen aflaat.
Op U, Maria, stel ik geheel mijn ver-
trouwen, red mij!
(H. Alph. v. Lig.)
Gebed ter eer e van Maria.
Voor haar beeld te bidden.
^pTSeiligste en onbevlekte Maagd en
^J^lF Moeder Maria. Tot U, Moeder
des Heeren, Koningin der aarde, voor-
-ocr page 510-
Litaniën
504
spreekster, hoop en toevlucht der zon-
daren, neem ik, de ellendigste van allen,
heden mijne toevlucht.
Aan uwe voeten neergeknield, o groote
Koningin, breng ik U mijne hulde, en
dank U voor alle weldaden, die Gij mij
tot heden toe bewezen hebt bijzonder
echter daarvoor, dat Gij .mij van de
hel bevrijd hebt, die ik zoo dikwijls
verdiend heb. Ik bemin U, o mijne
beminnenswaardigste meesteres, en uit
liefde tot U beloof ik, U altijd te dienen,
en alles te doen, wat in mijne macht is,
dat Gij ook van anderen bemind en ge-
diend wordt. Op U stel ik al mijne
hoop; in uwe handen leg ik mijne eeu-
wige zaligheid; neem mij tot uw dienaar
aan, en neem mij onder uwe bescher-
ming, o moeder der barmhartigheid!
Omdat Gij zoo machtig zijt bij God,
bevrijd mij van alle bekoringen, of ver-
krijg mij ten minste de kracht om ze
tot aan het einde mijns levens te over-
winnen. U smeek ik om eene ware
liefde tot Jezus, door U hoop ik eens
eenen zaligen dood te sterven.
O mijne moeder, door uwe liefde tot
Jezus bid ik U, dat Gij mij altijd bij-
-ocr page 511-
en Gebeden.                 505
staat, vooral echter in de laatste oogen-
blikken die alles beslissen. Verlaat mij
niet, totdat Gij mij onder de zaligen des
hemels ziet, waar ik U loven en den
lof uwer barmhartigheid zingen zal in
alle eeuwigheid. Zoo hoop ik, zoo zij
het. Amen.
300 dagen aflaat, P. Tius IX, 1854.
Het Memorare tot onze lieve Vrome
van hel heilig Hart.
$0 edenk, o onze lieve Vrouw van het
$&[ heilig Hart, de onbegrensde macht,
die Gij over het Hart van uw aanbid-
delijken Zoon bezit! Vol vertrouwen op
uwe verdiensten kom ik tot U, om uwe
bescherming en uwe hulp af te smee-
ken. O glorierijke gebiedster van Jezus
heilig Hart, de onuitputtelijke bron van
alle genaden, die Gij naar welgevallen
openen kunt, om daaruit alle schatten
der liefde en barmhartigheid, des lichts
en des heils, die het in zich bevat, over
ons, menschen, uit te storten; ik bid U,
verleen mij de genade, om welke ik U
smeek......
Neen, ik zal niet te vergeefs bidden,
-ocr page 512-
506                   Litaniën
en wijl Gij mijne moeder zijt, o onze
lieve Vrouw van het heilig Hart, zoo
neem mijn smeeken genadig aan, en
gewaardig U, mij te verhooren. Amen.
Onze lieve Vrouw van het heilig Hart,
bid voor ons!
ioo dagen aflaat P. Pius IX 1876.
Onder uwe bescherming.
^ffignder uwe bescherming nemen wij
j$gü onze toevlucht, o lieve Vrouw van
het heilig Hart, verstoot onze gebeden
niet in onzen nood, maar verlos ons al-
tijd van alle gevaren, o glorierijke ge-
biedster van het Hart van Jezus, uwen
Zoon. Amen.
Toewijding aan onze lieve Vrouw
van hei H. Hart.
^(jBlj onze lieve Vrouw van het H. Hart,
jjjgjj moeder der barmhartigheid, deur
des hemels, en uitdeelster der genade
Gods, ik werp mij voor uwe voeten
neder! Gij zijt de verhevene maagd en
gebiedster van het Hart van Jezus, de
toevlucht der zondaren, de troosteres
der bedrukten, en het heil van alle
-ocr page 513-
en Gebeden.                507
menschen: wees dan ook mijne troosteres,
mijne toevlucht, en mijn heil! Gij wordt
genoemd de toeverlaat der rechtvaar-
digen^ de hoop der verlatenen, de sterkte
der zwakken, en de rust der beangstigde
harten, daarom werp ik, o onze lieve
Vrouw van het heilig Hart een smee-
kenden blik op U, en stel mij voor
altijd onder uwe machtige, moederlijke
bescherming: ik wijd U heden toe mijnen
geest met al zijne gedachten, mijn hart
met al zijne neigingen en mijn geheel
wezen. O zoete Koningin van het Hart
van Jezus, kom mij te hulp, bevrijd
mij van de strikken des duivels; geef
dat ik op aarde God beminne, dat ik
Hem getrouw diene en het geluk hebbe
in zijne heilige liefde te sterven, om
met U eeuwig te heerschen, in de heer-
lijkheid des hemels. Amen.
Onze lieve Vrouw van het H. Hart,
bid voor ons. Alles tot meerdere eer
van het H. Hart van Jezus!
Aanbeveling der kinderen aan Onze
Lieve Vrouw van het H. Hart.
fjj|et innige vreugde, o onze lieve
Qf Vrouw van het H. Hart, stel ik
-ocr page 514-
508                      Litaniën
dit kind onder uwe moederlijke en
machtige bescherming en wijd het U
toe. Laat het steeds het voorwerp zijn
uwer teedere zorgen. Waak steeds over
hetzelve, en bewaar het in de onschuld,
en dat het onder uwe bescherming in
wijsheid en deugd opgroeie. Geef, dat
het de vreugde zijner ouders en de
troost der H. Kerk zij, en nadat het
hier God trouw gediend heeft, ook eens
het loon der heiligen in de eeuwigheid
moge ontvangen.
Om deze genade bid ik U, o onze
lieve Vrouw van het H. Hart. Amen.
Godvruchtige oefeningen ter cere der
Zeven Smarten van Maria.
Van den H. Alph. v. Lig.
EERSTK SMART.
tl&k heh medelijden met U, o mijne
»Jts lieve Moeder Maria, wegens het
eerste zwaard van droefheid dat uw
Hart doorboorde, toen U door den
H. Simeon alle mishandelingen geopen-
baard werden, die uw Zoon Jezus zou
ondergaan. Zij waren U allen reeds door
-ocr page 515-
en Gebeden.                 509
de H. Schrift bekend; ja, Gij wist dat
Hij onder uwe oogen, na al zijn bloed
vergoten te hebben, aan het kruis zoude
sterven, van allen verlaten zonder dat
Gij hem helpen kondet.
Ter wille van deze bittere herinnering,
die zoo lange jaren uw hart bedroefde,
bid ik U, mijne koningin, verkrijg mij
de genade, dat ik het lijden van Chris-
tus en uwe smarten in leven en in
sterven altijd in mijn hart drage.
TWEEDE SMART.
QRtk heb medelijden met U, o mijne
%M lieve Moeder Maria, wegens het
tweede zwaard van droefheid, dat uw
Hart doorboorde, toen Gij zaagt, hoe
uw onschuldig Kind Jezus door dezelfde
menschen, voor wier zaligheid Hij in de
wereld gekomen was, vervolgd werd.
Midden in den nacht moest gij toen
naar Egypte vluchten.
Ter wille van al het lijden, dat gij,
o teedere Maagd, met uw verbannen
Kind hebt uitgestaan op deze lange en
vermoeiende reis door woeste en on-
veilige streken, en gedurende uw ver-
-ocr page 516-
Litaniën
5io
blijf in Egypte, waar Gij vreemd en
onbekend meerdere jaren arm en ver-
laten moest doorbrengen, bid ik U, mijne
Koningin, verkrijg mij de genade, ge-
duldig en in vereeniging met U tot aan
mijn dood alle lijden van dit leven te
verduren, opdat ik eens van de pijnen
der hel, die ik zoo dikwijls verdiend
heb, verlost worde.
DERDE SMART.
jj3&k heb medelijden met U, o mijne
^j< lieve moeder Maria, wegens het
derde zwaard van droefheid dat uw
Hart doorboorde, toen Gij uwen lieven
Jezus te Jerusalem, verloren hadt, waar
Gij hem drie dagen lang in de grootste
angsten zocht. Gij vondt dag en nacht
geen rust, toen Gij het voorwerp uwer
liefde niet meer bij U hadt, en ook niet
wist, waarom Hij U verlaten had. Ik
bid U, o mijne koningin, ter wille uwer
bittere angsten en pijnlijke verzuchtin-
gen gedurende die drie droevigen dagen
en nachten, verleen mij de genade, nooit
mijnen God wederom te verliezen, op-
dat ik hier op aarde steeds met Hem
-ocr page 517-
en Gebeden.                 511
vereenigd leve, en in Zijne genade eens
deze wereld moge verlaten.
VIERDE SMART.
Ofek heb medelijden met U, o mijne
SJj lieve moeder Maria, wegens liet
vierde zwaard van droefheid, dat uw
Hart doorboorde, toen Gij uwen lieven
Zoon ter dood veroordeeld, met ketenen
beladen, met bloed en wonden overdekt
met doornen gekroond, op den lijdens-
weg onder het zware kruis hebt zien
nedervallen; Hij die toch als een on-
schuldig lam uit liefde tot ons in den dood
ging. Gij aanschouwdet elkander en uwe
blikken waren even zoovele smartelijke
pijlen, die uwe beide van liefde bran-
dende Harten verwondden.
Ik bid U, mijne koningin, ter wille
dezer groote smarten, verkrijg voor mij
de genade, dat ik altijd leve in over-
geving aan den wil Gods, en dat ik in
vereeniging met Jezus, steeds met vreugde
mijn kruis drage tot den laatsten adem-
tocht.
-ocr page 518-
Litaniën
512
VIJFDE SMART.
jjKk heb medelijden met U, o mijne
Sjjg lieve moeder Maria, wegens het
vijfde zwaard van droefheid, dat uw
Hart doorboorde, toen Gij op den Cal-
varieberg uwen lieven Zoon Jezus, on-
der zulke schromelijke smarten, door
de menschen bespot, langzaam op het
harde en ruwe kruis onder uwe oogen
zaagt [sterven, zonder Hem ook de
kleinste verlichting, die men zelfs den
grootsten boosdoeners in het doodsuur
niet weigeren zoude, te kunnen aan-
brengen.
Ter wille van den doodsangst dien
Gij, lieve moeder, daar met uwen ster-
venden Zoon geleden hebt, ter wille der
droefheid, die gij gevoeldet, toen Jezus
voor de laatste maal aan het kruis tot
U sprak, en afscheid van U nam; toen
Hij ons allen met den H. Johannes als
uwe kinderen aan U overgaf; ter wille
der verschrikkelijke smarten, welke Gij
leedt, toen Hij zijn hoofd boog, en den
geest gaf in de handen zijns Vaders,
bid ik \'J, verkrijg voor mij bij uwen
gekruisten Jezus de genade, dat ik ook
-ocr page 519-
en Gebeden.                 513
sterve aan alle dingen dezer wereld ge-
durende mijn geheel leven, alleen voor
God leve, en alzoo eens daartoe kome,
dat ik Hem van aanschijn tot aanschijn
in den hemel moge aanschouwen.
ZESDE SMART.
^pk heb medelijden met U, o lieve
Sa? Moeder Maria, wegens het zesde
zwaard van droefheid dat uw Hart door-
boorde, toen men het teeder Hart van
uwen lieven Zoon doorstak, die reeds
voor deze ondankbaren, die zelfs na
zijnen dood niet moede waren hem te
mishandelen, gestorven was.
Ter wille dezer onuitsprekelijke groote
smarten, bid ik U, verkrijg voor mij de
genade, dat ik altijd in het voor mij
doorboorde Hart van Jezus moge wonen,
in dat Hart hetwelk de liefdekamer is,
waarin alle zielen, die God beminnen,
rust vinden, opdat ik daar zoolang ik
leef, aan niets anders denke, en niets
anders beminne dan God alleen. O al-
lerheiligste Maagd Maria, Gij kunt dit
doen, van U hoop ik het.
33
-ocr page 520-
Litaniën
5\'4
ZEVENDE SMART.
iJpk heb medelijden met U, lieve Moe-
8jj£ der Maria, wegens het zevende
zwaard van droefheid, dat uw Hart door-
boorde, toen Gij uwen gestorven Zoon
in uwe armen ontvingt. Hij is niet
meer zoo liefelijk en schoon, gelijk
eertijds, toen Gij hem in den stal van
Bethlehem aan de geloovige herders ter
aanbidding voorsteldet; neen, Hij is vol
bloed; zijn heilig lichaam is verscheurd
door de geeselslagen en zijne beenderen
zijn zelfs door de wonden ontbloot.
O mijn geliefde Zoon, zoo spraakt Gij,
o mijn geliefde Zoon, waartoe heeft uwe
liefde U gebracht? En toen men Hem
grafwaarts droeg, wildet Gij Hem ver-
gezellen, en met eigene handen daarin
nederleggen, om, na voor de laatste
maal van hem afscheid te hebben ge-
nomen, uw liefdevolle Hart daar te la-
ten rusten.
Ter wille van het schromelijk lijden
dat uwe ziel geleden heeft, verkrijg voor
mij, o Moeder der schoone liefde, de
vergiffenis van alle beleedigingen, die
jk mijn, en mij zoo vurig beminnenden
-ocr page 521-
en Gebeden.                  515
God heb aangedaan en welke mij van
harte leed zijn. Sta mij bij, o Maria,
in alle bekoringen, sta mij bij in mijn
doodsuur, opdat ik door de verdiensten
van Jezus, en door de uwe zalig worde,
en eens met uwen bijstand, na deze
ellendige ballingschap op aarde, den lof
van Jezus en den uwen, voor eeuwig in
den hemel moge zingen.
Het Wees gegroet der smartvolle Moeder.
^EjT^ees gegroet Maria, vol van smar-
>^c^r ten, de Gekruiste is met U, be-
klagenswaardig zijt Gij onder de vrouwen
en beklagenswaardig is de \' vrucht uws
lichaams Jezus. Heilige Maria, Moeder
van den Gekruiste, geef ons, die uwen
Zoon kruisigden, tranen van boetvaar-
digheid, nu en in het uur van onzen
dood. Amen.
Iedermaal 100 dagen aflaat. Paus Pius IX 1847.
Litanie der smartvolle Moeder.
Van Paus Pius VIL
AKpTFjeer, ontferm U onzer!
igfuE; Christus, ontferm U onzer!
-ocr page 522-
5i6
Litaniën
Heer, ontferm U onzer!
Christus, hoor ons!
Christus, verhoor ons!
God, hemelsche Vader, ontferm U onzer!
God Zoon, verlosser der wereld, ont-
ferm U onzer!
God, heilige Geest, ontferm U onzer!
Heilige Drievuldigheid één God, ont-
ferm U onzer!
Heilige Maria, bid voor ons!
Heilige Moeder Gods,
Heilige Maagd der Maagden,
Moeder des Gekruisten,
Smartelijke Moeder,
Treurende Moeder,
Zuchtende Moeder,
E
I
1
Kommervolle Moeder,
Verlatene Moeder,
Troostelooze Moeder,
Allerbedrukste Moeder,
Angstvolle Moeder,
Van kommer verteerde Moeder,
Met het zwaard doorboorde Moeder,
Met het hart aan het kruis gehechte
Moeder,
Van uwen Zoon beroofde Moeder,
Zuchtende tortelduif.
Moeder der smarten,
-ocr page 523-
en Gebeden.                 517
Bron van tranen,
Moeder der bitterheden,
Zee van rampen,
Woonplaats des lijdens,
Spiegel van geduldigheid,
Steenrots der standvastigheid,
Hulp in wederwaardigheden,
Vreugde der bedroefden,
Rustplaats der troosteloozen,
Toevlucht der verlatenen,
Schild der bedrukten,
Bestrijdster der ongeloovigen,
Troosteres der ellendigen,
Geneesmiddel der zieken,
Hulpmiddel der noodlijdenden,
Sterkte der zwakken,
Beschermster der strijdenden,
Haven der schipbreukelingen,
Gebiedster der stormen,
Gezellin der lijdenden,
Schrik der boosdoeners,
Toevlucht der zuchtenden,
Aanvoerster der martelaren,
Schat der geloovigen,
Licht der belijders,
Parel der maagden,
Troost der weduwen,
Vreugde aller heiligen,
-ocr page 524-
518                      Litaniën
Koningin uwer dienaren,                    "1 P*
Heilige Maria, zonder eenig voor- } £
beeld,                                               \\ \'
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld spaar, ons, Heer!
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, verhoor ons, Heer!
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer, Heer!
Christus, hoor ons!
Christus, verhoor ons!
Heer, ontferm U onzer!
Christus, ontferm U onzer!
Heer, ontferm U onzer!
if. In alle droefheid, angst en nood!
IL Kom ons te hulp, smartvolle moe-
der Maria!
t. Bid voor ons, smartvolle Maagd,
fy. Opdat wij der beloften van Chris-
tus waardig worden!
GEBED.
«fcj§| Heer Jezus Christus, wij bidden
j^g U, geef dat de allerzaligste Maagd,
uwe Moeder, wier allerheiligste ziel ge-
durende uw lijden een zwaard van droef-
-ocr page 525-
en Gebeden.                 519
heid doorboorde, bij uwe goedertierenheid
voor ons ten beste spreke. Die leeft en
regeert van eeuwigheid tot eeuwigheid.
Amen.
Gebed tot de smartvolle Moeder.
van P. Martin v. Cochem.
O/M Maria, smartvolle moeder, Gij weet
>S^ wat nood en lijden is, want uw
onbevlekt, teeder moederhart is met
een zwaard van droefheid doorboord
geworden. Gij hebt bittere armoede,
smaad en vervolging geleden, en waart
gelijk uw goddelijke Zoon in eene zee
van smarten gedompeld.
Ik weet, dat Gij ook mijne smart
gevoelt, Gij begrijpt het lijden mijns
harten want ik ben immers uw kind,
en Gij zijt mijne moeder. Maar Gij be-
begrijpt niet alleen hoezeer ik lijd, Gij
kunt mij ook helpen en troosten. Zoo
kom ik dan tot U, troosteres der be-
drukten, onder den druk van kruis en
lijden, en bid u, reik mij eene hand
toe, opdat ik er niet onder bezwijke.
In uw liefderijk moederhart leg ik al
mijne wederwaardigheden, mijn angst
-ocr page 526-
Litaniën
520
en nood, ik stel mij onder uwe moe-
derlijke bescherming.
O mijne Moeder, bid voor mij, opdat
uw goddelijke Zoon mij niet verlate,
dat Hij mij dit kruis van mijn schou-
ders neme of mij de kracht geve om
gelijk Gij, mijn leed standvastig en uit
liefde tot Hem te verdragen.
Ik stel mij naast U onder het kruis,
o smartvolle Moeder, en hoop dat mijn
smeeken ter wille uwer smarten en door
uwe machtige en liefdevolle voorspraak
verhoord zal worden. O goedertierene,
o liefdevolle, o zoete Moeder Maria, die
vol van smarten onder het kruis gestaan
hebt, bid voor ons! Amen.
Gebed tot Onze Lieve Vrouw van
altijddurenden Bijstand.
^^M Moeder van den altijddurenden
)|g! Bijstand, Gij zijt de uitdeelster aller
genaden, die God ons ellendigen verleent,
en daarom wilde Hij, dat Gij zoo mach-
tig, zoo rijk en goedertieren zijt om ons
in.onze ellende te hulp te komen. Gij
zijt de pleitbezorgster der ellendige en
verlatene zondaars, die tot U hun toe-
-ocr page 527-
en Gebeden.                 521
vlucht nemen; kom dan ook mij te hulp,
die uwe barmhartigheid inroep. In uwe
handen leg ik mijne eeuwige zaligheid,
ik geef U mijne ziel over. Gewaardig
U mij onder het getal uwer bijzondere
dienaren en onder uwe moederlijke be-
scherming te nemen, ik verlang niets
meer. Want als Gij mij bijstaat, vrees
ik niets; mijne zonden maken mij niet
angstig, omdat Gij voor mij vergiffenis
verkrijgen zult; de helsche geesten vrees
ik niet, dewijl Gij machtiger zijt dan de
gansche hel, ja, ik vrees zelfs mijnen
goddelijken Rechter Jezus Christus niet,
omdat uwe voorspraak, Hem zal ver-
zoenen. Ik vrees slechts te verzuimen
U steeds om uwen bijstand aan te roepen,
en zoo door mijne nalatigheid te gronde
te gaan.
O mijne Koningin, verkrijg mij ver-
giffenis der zonden, liefde tot Jezus,
barmhartigheid in het laatste uur mijns
levens, en de genade, altijd tot U mijne
toevlucht te nemen, o Moeder van den
altijddurenden Bijstand! Amen.
Vijfmaal het >Wees gegroet."
-ocr page 528-
Litanien
522
Smeekgebed van den H. Aloysius.
^fj<Feilige Maria, mijne koningin, heden
J5IJ3E en alle dagen mijns levens, vooral
echter in het uur van mijnen dood, beveel
ik aan uwe zegenrijke bescherming, aan
uwe bijzondere hoede en moederlijke
barmhartigheid mijn lichaam en mijne
ziel. U geef ik al mijne hoop en troost,
al mijne wederwaardigheden en droef-
heid, mijn leven en deszelfs einde over.
Verwerf mij door uwe machtige voor-
spraak en door uwe groote verdiensten
de genade, in al mijn doen en laten
uwen wil en den wil van uwen Godde-
lijken Zoon te vervullen. Amen.
Litanie tot onze lieve Vrouw van altijd-
durenden Bijstand.
igpJReer, ontferm U onzer!
«aKL: Christus, ontferm U onzer!
Heer, ontferm U onzer!
Christus, hoor ons!
Christus, verhoor ons!
God, hemelsche Vader, ontferm U onzer,
God Zoon, verlosser der wereld, ont-
ferm U onzer.
-ocr page 529-
en Gebeden.                   523
God heilige Geest, ontferm U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God, ont-
ferm U onzer.
Heilige Maria, bid voor ons.
Heilige Moeder Gods, bid voor ons.
Heilige Maagd, zonder erfzonde ont-
vangen, bid voor ons.
O onze lieve Vrouw van den altijd-
durenden Bijstand,
Wij arme zondaars, roepen tot U,
Dat wij God, het hoogste goed van
ganscher harte beminnen,
Dat wij aan Jezus uwen goddelijken
Zoon in alles gelijkvormig worden,
Dat wij U, allerzaligste Maagd, eene
teedere en innige godsvrucht toe-
dragen,
Dat wij de zonde, het eenige kwaad,
uit alle krachten haten,
Dat wij dikwijls onze uitersten ge-
denken,
Dat wij de H. Sacramenten dikwijls
en waardig ontvangen,
Dat wij de naaste gelegenheden tot
zonde naar vermogen vluchten,
Dat wij geen dag onzes levens het
gebed verzuimen,
Dat wij vooral in het oogenblik der
-ocr page 530-
524                    Litaniën
bekoring bidden,
Dat wij met eene grootmoedige liefde
onze vijanden vergeven, en alle
menschen goed toewenschen,
Dat wij onze bekeering niet van
den eenen dag tot den anderen
uitstellen,
Dat wij met allen ijver aan de uit- O
roering onzer slechte gewoonten g
arbeiden,                                         £•
Dat wij in de genade en vriend- »\'
schap Gods leven en sterven,         m
In alle aangelegenheden van lichaam S
en ziel,                                         I g
In ziekte en lijden,                          f *"
In armoede en noodwendigheden, g\'
In vervolging en verlatenheid,
            3
In kommer en droefheid,                   ™
Ten tijde van oorlog en besmette- g*.
lijke ziekten,                                  \'T"
In de aanvallen der booze geesten,
In de bekoringen der bedriegelijke
wereld,
In den strijd tegen de hartstochten
van onze kwade natuur,
In de aanvallen tegen de schoone
deugd der kuischheid,
In alle gevaar van zonden,
-ocr page 531-
en Gebeden.                525
Als wij op het einde van onze
aardsche loopbaan gekomen zijn,
Als wij op het sterfbed uitgestrekt
liggen,
Als de gedachte aan den nabijzijn-
den dood ons met schrik en
angst zal vervullen,
Als in het alles beslissend oogen-
blik de helsche vijanden ons in
vertwijfeling zullen trachten te
brengen,
Als de priester ons de absolutie en
zijnen laatsten zegen zal geven,
Als bloedverwanten en vrienden ons
sterfbed omringen, en weenend
voor ons bidden zullen,
Als de oogen zullen verdooven en
het hart zal ophouden te slaan,
Als onze ziel voor den goddelijken
rechterstoel verschijnt,
Als het verschrikkelijk vonnis uit-
gesproken zal worden,
Als wij in de vlammen des vage-
vuurs lijden en naar het aanschou-
wen van God zullen verlangen,
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons, Heer,
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
-ocr page 532-
526                    Litaniën
der wereld, verhoor ons. Heer,
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer, Heer,
Christus, hoor ons!
Christus, verhoor ons!
Hf. Bid voor ons, heilige Moeder Gods!
ty. Opdat wij de beloften van Christus
waardig worden!
GEBED.
^Sjj God, die gewild hebt dat de Moe-
jij^j der van uw Eeniggeboren Zoon
de altijddurende Bijstand der Christenen
op aarde wezen zou, verleen ons de
genade, dat wij haar in alle aangelegen-
heden naar ziel en lichaam vol vertrou-
wen aanroepen, opdat wij, door hare
bescherming en haren bijstand gered,
tot het altijddurend aanschouwen uwer
heerlijkheid in den hemel mogen geraken.
Door denzelfden Jezus Christus, onzen
Heer. Amen.
-ocr page 533-
en Gebeden.                   527
Gebed om de allerheiligste Maagd dage-
lijks lol bijzondere patrones en
Moeder te kiezen.
f(§<i allerzaligste Maagd en Moeder Gods
J^J Maria! Ik N. N. hoewel onwaardig
onder het getal uwer dienaren en diena-
ressen opgenomen te worden, vertrou-
wend echter op uwe groote goedheid,
kies U heden in tegenwoordigheid
van mijn heiligen Engelbewaarder en
alle lieve Heiligen, tot mijne bijzondere
patrones en waardige Moeder, met het
vaste voornemen, U in de toekomst ge-
trouw te dienen, en zooveel het mij
mogelijk is te zorgen, dat Gij ook door
anderen gediend wordt.
Daarom bid ik U, o genadige Moeder,
door het allerheiligste Bloed van uwen
eenigen Zoon Jezus Christus, dat Hij
voor ons, menschen, vergoten heeft, neem
mij aan onder het getal uwer dienaren
en kinderen, en verkrijg mij van God
de genade dat ik mij in alle gedachten,
woorden en werken zoo gedrage, dat
aan het goddelijk oog en aan de uwen
niets in mij mishage, en ik eens geluk-
zalig uit dit leven moge scheiden. Amen.
-ocr page 534-
528                      Litaniën
Gebed tot bewaring der H. Kuischheid.
$|j@fi mocht ik U, o Maria, volgens mijn
)jg$ staat en vermogen in de reinheid
des lichaams en der ziel oprecht navol-
gen. O Maria, schoon voorbeeld der
kuischheid! O, reine onbevlekte spiegel
der maagdelijkheid! Zalig is hij, die
zich immer beijvert, naar best vermo-
gen dezelve te bewaren. Ik moet met
Salomon bekennen, dat ik niet zuiver
kan leven, tenzij het mij van God worde
gegeven.
Daarom kom ik tot U, o gezegende
onder de vrouwen, die Gods Zoon zon-
der verlies der maagdelijkheid geboren
hebt, verkrijg mij bij God de genade,
waardoor ik nimmer in eenige zonde
tegen de engelachtige deugd der kuisch-
heid toestemme, opdat ik eens tot Jezus
en tot U, o Maria moge geraken, onder
het gelul der uitverkoren, in de woning
der eeuwige vreugde, waar niets onreins
wordt toegelaten. Amen.
Gebed ter eere der vreugden van Maria.
tj^erheug U Maria, Moeder van God,
v^jj|j> onbevlekte Maagd! verheug U,
-ocr page 535-
en Gebeden.                   531
uwe lieve Moeder en alle lieve heiligen.
Amen.
Gebed tot het H. Hart van Maria.
iSOyKees duizend maal gegroet, aller-
^SsfflSty/ïr heiligste Hart van Maria! om-
dat Gij na het Hart van Jezus van alle
harten God den Heer het vurigste be-
mind hebt. O Hart van Maria! Gij
hebt door de zuchten van uw Hart de
menschwording van Gods zoon bespoe-
digd, en het goddelijk Woord van den
hemel doen nederdalen.
O Hart van Maria! Gij zijt boven
alle harten der menschen bevoorrecht
geworden, en zijt het dierbaarst aan
het goddelijk Hart van Jezus. Wees ge-
groet, allerreinste Hart van Maria! de-
wijl Gij zoo groote zorg voor het god-
delijk Kindje Jezus gedragen hebt. Wees
gegroet, allerreinste Hart van Maria,
dewijl Gij alle woorden van Jezus zoo
goed bewaard en zoo getrouw vervuld
hebt. Wees gegroet, genaderijk Hart
van Maria, dewijl Gij met deugden en
genaden zoo overvloedig zijt vervuld
en versierd geworden..
-ocr page 536-
Litaniën
532
O goedertierenste Maagd! ontferm U
over mijn ellendig hart, en bid Jezus
door zijn en uw genaderijk Hart dat Hij
mijn hart van alle zonden en booze
neigingen zuivere. Amen.
Goede meening van Jezus en Maria door
het
» Wees gegroet" te loven.
.fcCTPjT^ees gegroet, Maria! deur des
V/\'\\^- eeuwigen Paradijs, helder schij-
nende ster der wereld, Gij hebt het
helsche rijk omver geworpen, Gij zijt vol
van genade wegens de vurige liefde tot
God en tot de menschen. Wees gegroet
wegens uwe volmaakste reinheid, en uw
diepsten ootmoed.
De Heer is met U, om U zijne ge-
naden mede te deelen, groote dingen
aan U te verrichten en steeds zijn groot-
ste welbehagen in U te scheppen.
Gezegend zijt Gij boven alle vrouwen,
omdat Gij de Moeder der levenden,
rechtvaardigen en uitverkorenen zijt, die
in God en met God leven zullen, Gij
zijt verheven boven alle schepselen van
hemel en aarde, en geheiligd boven alle
uitverkorenen.
-ocr page 537-
en Gebeden.                 533
En gezegend is de vrucht uws lichaams,
Jezus Christus, die U zoo gebenedijd en
gezegend heeft. Heilige Maria, Moeder
Gods, Moeder van den Heiland en van
allen, die naar het eeuwig heil verlangen
en zuchten, bid voor ons, arme zondaars,
uwen gebenedijden Zoon, dat Hij ons
zijn tijdelij ken en eeuwigen zegen schenke.
Bid voor ons nu, maar vooral in het
uur van ons sterven, opdat wij zijne
goddelijke erfenis in de eeuwige glorie
mogen erlangen. Amen.
De goude^ »Engel des Heer en."
.SjOjJCees gegroet Maria, in dezelfde
\'i\'TW\' liefde en eer, waarmede de al-
lerheiligste Drievuldigheid U door de
groeten is des Engels heeft laten begroe-
ten. Wees gegroet door de almacht des
eeuwigen Vaders, waarmede Hij U in
de genade bevestigd en bewaard heeft,
zoodat Gij altijd van alle zonden en
straffen der zonden zijt vrijgebleven.
Wees gegroet door de wijsheid van God
den Zoon, waardoor Hij U zoo verlicht
heeft, dat Gij als eene glanzende zon
hemel en aarde verlicht hebt. Wees
-ocr page 538-
534          Litaniën en Gebeden.
gegroet in de zoetheid van den H. Geest,
waarmede Hij het hinnenste uwer ziel
doordrongen en U zoo beminnelijk en
goe\'dertieren gemaakt heeft, dat allen
die van goeden wille zijn U door de
genade Gods kunnen vinden.
Daarom is het billijk, dat alle ge-
slachten U loven, zalig prijzen, en aan-
roepen: O Uitdeelster der genaden; bid
voor mij, arme zondaar, opdat ik door
U de schatten der genaden en eens de
goederen des eeuwigens levens moge
verwerven, door Jezus Christus, uwen
lieven Zoon, onzen Heer. Amen.
-ocr page 539-
iXÉotf®.
Eerste Deel.
$aria als JF^nien^rans^oningin fit W J{ij(|
ter pannbrfigbtii.
Voorwoord                           ...            3
1   October. — ^4fl« <fe schoonste Bruid, de
schoonste Krans.
                                                   5
2  October. — ƒ>? allerheiligste Rozenkrans
uit de eerste hand.                                              13
3  October. — Waarom bevordert de II. Kerk
zoozeer de godsvrucht tot de H. Rozen-
kranskoningin?
                                                   21
4  October. — Het Wapen der Rozenkrans-
koningin. Wit, rood en goud.
                           29
5  October. — Kind, vergeet uwe Moeder niet! 37
6  October. — Het hutsaltaar ter eere der
Rozenkranskoningin.
                                           44
7  October. — Kroon 11 met rozen, die nooiï
verwelken.
                                                            52
8  October. — Het H. Rozenkransgebed bij
het H. Misoffer.
                                                60
9  October. — De H. Rozenkrans, het middel-
punt aller godvruchtige oefeningen.
                68
-ocr page 540-
536                    Inhoud-
io October. — De Rozenkranskoningin doet
aan hare kinderen de zaligste beloften.
           75
11   October. — De Rozenkranskoningin ver-
schijnt met haren heiligen hof stoet.
                 83
12   October. — De H. Vader Pius IX en
zijne Hefde tot de Rozenkranskoningin.
           91
13   October. — Onze H. Vader Leo Xfll
spoort de katholieke wereld aan, tol ver-
eering der Rozenkranskoningin.
                       99
14  October. — Maria, de zegepralende Ko-
ningin van den H. Rozenkrans.
                      105
15  October. — Maria, de "wonderdadige Ro-
zenkranskoningin.
                                              112
16  October. — De Broederschap van den
H. Rozenkrans.                                                 119
17  October. — Wees ook een ijverig lid der
Rozenkrans-broederschap.
                                 126
18  October. — Verheug u over de kostbare
voorrechten der Broederschap van den H.
Rozenkrans.
                                                       134
19  October. — Geef voldoening voor de zon-
den uit den rijken schat der II. Aflaten
voor u en de arme zielen.
                               141
20  October. — De ccuwigdurcnden Rozen-
krans.
                                                                  152
21   October. — Bied Maria dagelijks een fris-
schen ruiker aan, in de vereeniging van
den Levenden Rozenkrans.
                               159
22   October. — De Rozenkrans der /.even
Smarten ter eer e van de Kon ing in der
A fartelaren.                                                       165
23   October. — De Franciscaner-Rozenkrans
ter eer e der \'/.even Vreugden van Maria, 172
24  October. — De Brigittijnsche Rozenkrans
ter eer e van de 63 levensjaren van Maria. 184
25   October. — De Rozenkrans der Onbevlekte
-ocr page 541-
Inhoud.
537
Ontvangenis — de schitterendste kroon. 189
26  Octobcr. — Der arme zielen Rozenkrans. 194
27  October. — Vermijd alle gebreken onder
het Rozenkransgebed.
                                        202
28   October. — Strijd voor de eer der Ro-
zenkranskoningin.
                                              208
29  October. — De Rozenkrans-Zondag en
de maand October.                                            215
30  October, — De Litanie van Loretto.          221
31   October. — De \'laatste Rozenkrans op
aarde
— de eerste in den hemel.
                   227
Tweede Deel.
ff]aria als J(a}Enf;ransf(otiingin.
J)t 15 pF^eitnen nan ien J&. J^njfnf;rans.
DE BLIJDE GEHEIMEN.                                         233
I. Dien Gij, o Maagd, van den H. Geest
ontvangen hebt.                                            t 233
Voorbereidingsgebed.                                           233
1.  Bid met de H. Maagd in hare kamer.        234
2.  Groet Maria met den Engel.                         236
3.  Aanbid het Vleesch geworden Woord.        238
Opwekking.
                                                        240
II. Uien Gij, o Maagd, Elisabeth bezoekende,
gedragen hebt.                                                  245
1.   Vergezel Maria over het gebergte.              245
Opwekking.
                                                       246
2.  Loof God met Maria.                                     247
Opwekking.
                                                        249
-ocr page 542-
538                      Inhoud.
3. Dien met Maria uwen evennaaste.               250
Opwekking.                                                       251
III.  Dien Gij, o Maagd, te Bethlehem ge-
baard hebt.
                                                        253
1.  Ga met Maria en Joseph naar Bethlehem 253
2.  Zoek ééne verblijfplaats voor Maria en
het Goddelijk Kindje.                                       254
Opwekking.                                                       255
3.  Eere zij God in den Hooge!                         256
Opwekking. 256
258
IV.   Dien Gij, o Maagd, in den Tempel hebt
opgeofferd.
                                                         262
Offer aan God, met Maria het dierbaarste
wat gij bezit
                                                     262
Opwekking                                                        264
V.   Dien Gij, o Maagd, in den Tempel hebt
wedergevonden
                                                 266-
1.  Begeef U met Jezus, Maria en Joseph ter
kerke
                                                                   266
2.  Zoek ]ezus met Maria en Joseph                 267
Opwekking tot Jezus in \'t Allerheiligste Sa-
crament 270
DE DROUVIUK GEHEIMEN.                                        272
I.  Die voor ons bloed gezweet heeft               272
Verdiep u in \'t goddelijk Hart op den Olijf-
berg
                                                                    272
Opwekking
                                                         274
II.   Die voor ons gegeeseld is geworden          278
1.  Beschouw het sehuldelooze Lam aan de
geeselkolom
                                                ■ 278
Opwekking
                                                         282
2,  Neem het Lam op in uw hart                      284
Opwekking 286
III.  Die voor ons met doornen gekroond is 287
1. Leve Jezus, de Koning der smarten
            287
-ocr page 543-
Inhoud.
539
2. Leve Jezus, de Koning onzes harten           290
Opwekking                                                        290
IV.  Die voor ons het zware kruis gedragen
heeft
                                                                   203
1. Volg Jezus met uw kruis!                             293
Opwekking                                                        296
V.   Die voor ons gekruisigd is                           302
1.  Hecht uwe ziel aan het kruis                       302
Opwekking
                                                        305
2.  Volhard met Jezus op het kruis                   306
Opwekking
                                                        306
DE GLORIERIJKE GEHEIMEN                              311
I.  Jezus leeft weder— Alleluia ! Verheug U,
o Koningin des Hemels — Alleluia!            311
Opwekking                                                        313
II.  Die ten Hemel is opgeklommen                  314
1. Stijg in den geest ten Hemel I
                     314
Opwekking                                                        316
III.  Die ons den H. Geest gezonden heeft       319
1. Zend ons, o Heer, L\'wen H. Geest
              319
Opwekking                                                        321
IV.   Die U, o Maagd, in den Hemel heeft
opgenomen
                                                        323
1. Leer van Maria sterven                                  323
Opwekking                                                        326
V.  Die U, o Maagd, in den Hemel gekroond
heeft
                                                                   328
1. Verheug U, o Koningin des Hemels           328
Opwekking                                                        330
-ocr page 544-
54o                       Inhoud.
Derde Deel.
^aHaansrh {5f&F&Mi&0»f| ffr fff? for
MORGENGEBED.                                                              335
Bij het ontwaken                                                  335
Hij liet opstaan                                                      335
Na het aanklceden                                               336
Dagelijksche opoffering aan het heilig en
onbevlekt Hart van Maria                              339
Gebed van den H. liernardus                            340
Uebed ter eere der allerzaligste Maagd Maria 340
Aanbeveling in de genade Gods                       342
Oefening der drie goddelijke deugden             343
» des Geloofs                                            343
» der Hoop                                                344
» der Liefde                                              345
Goede meening                                                     346
AVONDGEBED                                                                  348
Heilige rustplaats in het Goddelijk Hart van
Jezus                                                                   348
Eeuwige aanbidding ter eere van het
   god-
delijk Hart van Jezus
                                       349
Avondgebed ter eere van het heilig
   Hart
van Maria                                                           350
GEBEDEN VOOR EN NA DB BIECHT                     351
Smeekgebed tot God                                           351
Onderzoek uw geweten over de volgende
tonden                                                                 352
Beroaw                                                                   354
Voornemen                                                            358
NA DE BIECHT                                                               360
-ocr page 545-
Inhoud.                      541
Dankzogging                                                         360
Voornemen voor de toekomst                            362
Opoffering der boete                                           364
Dankzegging aan Maria                                     365
GEBEDEN VOOR EN NA UK COMMUNIE               366
Eerste voorbereiding tot de H. Communie      367
Aanbidding en liefde                                           368
Leedwezen en betrouwen                                    369
Smeekgebed                                                          371
Gebed van de H. Gertrudis tot de Moeder
Gods                                                                   371
Verlangen                                                              373
Uitnoodiging                                                         374
NA DE COMMUNIE                                                        377
Gebed                                                                       >
Godvruchtige verzuchtingen                                379
Gebed van den H. Ignatius                               380
Gebed van den H. Bonaventura                        381
Gebed van den H. Thomas                                383
Schietgebeden                                                       384
Grondregels                                                             »
Laatste gebed                                                       385
ANDERE GODVRUCHTIGE OEFENINGEN VOOR
DE H. COMMUNIE                                                     388
Voor de H. Communie                                         »
Na de H. Communie                                           391
Gebed tot het H. Hart van Maria om ons en
de H. Kerk onder hare bescherming te stellen  394
GEBEDEN ONDER DE II. MIS                                   396
Eerste manier om de //. Mis te hoorcn ter
eere der allerzaligste Maagd Maria
              »
Tweede manier om de H. Mis te hooren ter
eere der smartvolle Moeder Gods
                  420
Derde manier om de H. Mis te hooren. —
Voor de Overledenen
                                       438
godvruchtige oefeningen ter eere van het
-ocr page 546-
542                       Inhoud.
Goddelijk Hart van Jezus in het H. Sacra-
ment des Altaars
                                              463
Aanbidding van het Allerheiligste Sacrament »
Verzuchtingen tot het Allerh. Sacrament
         464
Litanie ter eere van het H. Sacrament des
Altaars                                                                465
Aanbidding van het allerheiligste Hart van
Jezus                                                                   470
Toewijding aan het H. Hart van Jezus            471
Litanie ter eere van het Goddelijk Hart van
Jezus                                                                   473
GEBEDEN op de Feestdagen van Maria           476
Op het feest van O. L. Vrouw Lichtmis           »
Op het feest der zeven smarten van Maria 477
Op hel feest van Maria boodschap
                  479
Op het feest van Maria bezoeking                   480
Op het feest van Maria Hemelvaart                 481
Op het feest der geboorte van Maria              483
Op het Naamfeest van Maria                            484
Op het feest van Rozenkrans-Zondag              485
Op het feest der Opoffering van Maria            486
Op het feest der onbevlekte Ontv. van Maria 488
Op het feest der Bescherming van Maria
          »
LlTANIëN HN GEBEDEN ter eere van Maria 490
Litanie van Lorette
                                               »
Gebed tot de allerheiligste Maagd om door
hare bescherming de deugd der kuischheid
te bewaren
                                                        494
Gebed in de bekoring                                           »
Liefdeverbond met Maria                                    495
Drie gebeden van de H. Mechtildis tot O.
L. Vrouw, om eenen zaligen dood               497
Gebed om eenen zaligen dood                          498
Gebed tot O.\'L. Vrouw van Lourdes              499
Gebed van de H. Gertrudis                               500
Litanie van het onbevlekt Hart van Maria »
-ocr page 547-
Inhoud.                      543
Schietgebeden                                                        503
Gebed ter eere van Maria                                   »
Het «Memorare" tot onze lieve Vrouw van
het heilig Hart                                                  505
Onder uwe bescherming                                      506
Toewijding aan O. L. Vrouw van het H. Hart 1
Aanbeveling der kinderen aan O. L. Vrouw
van het H. Hart                                               507
Godvruchtige oefeningen ter eere der Zeven
Smarten van Maria                                          508
Het Wees gegroet der smartvolle Moeder 515
Litanie der smartvolle Moeder
                             »
Gebed tot de smartvolle Moeder                       519
Gebed tot O. L. Vrouw van altijddurende!)
bijstand                                                               520
Smeekgebed van den H. Aloysius                    522
Litanie tot onze lieve Vrouw van altijddu-
renden Bijstand                                                   »
Gebed om de allerheiligste Maagd dagelijks
tot bijzondere patrones en Moeder te kiezen 527
Gebed tot bewaring der H. Kuischheid
           528
Gebed ter eere der vreugden van Maria            »
Lof en eer aan Maria                                          529
Gebed om een levensstaat te kiezen                   *
Gebed tot het H. Hart van Maria                   531
Goede meening van Jezus en Maria door het
«Wees gegroet" te loven                                532
De goude »Engel des Heercn"                          533
f