-ocr page 1-
-ocr page 2-
r**^ \\38tO
-ocr page 3-
-ocr page 4-
-ocr page 5-
loX
-ocr page 6-
i,A PH1ÊRK EN FAM1J-.]<P-
-ocr page 7-
ffcj 9\\3>
GODVRUCHTIGE
5filfr 5P ^Ê^!
. k J jLV^v,\' jCjLj _A_j t
AANWIJZENDE
DEN WEG TEN HEMEL,
DOOR OEFENINGEN EN GEBEDEN.
Met veelvuldige godvruchtige Oebeden en Litaniën
bijeenvergaderd door een\' Pater van de orde
der Predikheeren.
Met Goedkeuriug.
-*£X3^
VENLOO, WED. H. BONTAMPS.
1885.
-ocr page 8-
-ocr page 9-
TAFEL OF AANWIJZING
DER
ROERENDE FEESTDAGEN.
JAAR.
ASCHDAG.
PASCHKN.
PINKSTF.RtN
1879
27
Febr.
13
April.
1
Junii.
1880
10
Febr.
28
Maart.
1(1
Mei.
1881
2
Maart.
17
April.
5
Juni:.
1882
22
Febr.
9
April.
2S
Mei."
1883
8
Febr.
25
Maart.
13
Mei.
1884
27
Febr.
13
April.
1
Junij.
1885
18
Febr.
5
April.
24
Mei.
1886
10
Maart.
25
April.
13
Junij.
1887
3
Haart.
10
April.
29
Mei.
1888
16
Febr.
1
April.
20
Mei.
1889
6
Maart.
21
April.
9
Junij.
1*90
19
Febr.
6
April.
25
Mei.
1891
11
Febr.
29
Maart.
17
Mei.
1892
2
Maart.
17
April.
5
Junij.
1893
15
Febr.
2
April.
Maart.
21
Mei.
1894
7
Febr.
25
13
Mei.
1895
27
Febr.
14
April.
2
Junij.
189fi
19
Febr.
5
April.
24
Mei.
1897
5
.Maart.
18
April.
6
Junij.
1898
18
Febr.
10
April.
29
Mei.
1899
10
Febr.
2
April.
21
Mei.
lfrOO
il
Febr.
15
April.
3
Junij.
190i
14
Febr.
7
April.
20
Mei.
1902
6
Maart.
30
Maart.
18
Mei
-ocr page 10-
Goedkeuringen.
Imprimi poterit.
Act i/m Antverpiee, die 14 May 1706.
J. C. DE CARRAIAL.
Ecclesiic Cathedr. Antverp. Can. Grad.
•Tudex Synod. ac Lib. Censor.
Dit boek zal zeer voordeelig mogen gedrukt worden.
Actitm tol Gend, den 20 May 1755.
JOANXES CLERCQ.
Canonik en Boekkeurder.
Permittimus reimpressiouem :
Leodii, hac 6 Aprilis 1832.
J. A. Barrett ,
Vic. Gen.
-ocr page 11-
CHRISTELIJK ONDERWIJS M DE VOORNAAMSTE
GELOOFSPUNTEN.
Het geloof is de grondvesting
aller deugden en volmaaktheden ,
wanneer men opregt en aandachtig
overdenkt, eerstelijk :
1.  Dat er één God is, Schepper
van alle dingen.
2.  Dat God alle dingen bestiert.
3.  Dat onze ziel onsterfelijk is.
4.  Dat de genade Gods noodig
is ter zaligheid.
5.  Dat God regter is over allen.
6.  Dat God drievuldig is in per-
sonen.
7.  Dat de Zoon Gods is mensch
geworden.
Het ander deel der voornaamste
geloofspunten.
1.  De 12 artikelen des geloofs.
2.  De 7 bediiidiiigen des Onz. Vad.
-ocr page 12-
()                     CHRISTELIJK ONDERWIJS.
3.  De 10 geboden Gods.
4.  De 5 geboden der H. Kerk.
5.  De 7 heilige Sakramenten.
Merkteekenen der waarachtige Kerk
van Christus.
Ik bevind dat de Roomsch Ka-
tholijkeKerk boven alle dwaalleer
uitschijnt, door hare éénheid, hei-
ligheid, licht der voorzeggingen,
wonderteekenen, de algemeene
goedkeuring van alle volkeren,
hare oudheid en wettige afkomst
van Christus en de Apostelen, de
gedurige opvolging der Pausen in
den stoel van Petrus, enz. Dat ik
moet bekennen, dat deze Kerk van
den levenden God is, de kolom
en het steunsel der waarheid, die
de poorten der helle nimmer zullen
overweldigen; waarin Christus
met zijnen geest der waarheid blij-
ven zal tot het einde der wereld.
In de gehoorzaamheid en gemeen»
-ocr page 13-
CHRISTELIJK OXDEKWIJS.                       7
schap der Kerk wil ik niet Gods
genade leven en sterven : door
Jesns Christus, onzen Heer.
De tien Geboden Gods.
1.  Ik ben de Heer uw God. Gij
zult geene vreemde goden voor
mijneoogeH hebben. Gij zult geen
gesneden beeld of gelijkenis ma-
ken; gij zult die niet aanbidden of
godsdienst aandoen.
2. G ij zult den naam van den Heer
uwen God niet ijdelijk gebruiken.
8. Weest gedachtig dat gij den
Sabbathdag heilig maakt.
4. Eert uwen vader en uwe
moeder, opdat gij lang moogt
leven op de aarde.
o. Gij zult niet doodslaan.
6.  Gij zult geen overspel doen.
7.  Gij zult niet stelen.
8.  Gij zult tegen uwen naaste
geene valsche getuigenis geven.
9.  Gij zult uws naasten huis-
vrouw niet begeereii.
-ocr page 14-
8                   CHRISTELIJK ONDERWIJS.
10. Gij zult zijn huis niet begee-
ren, noch zijn land, noch zijnen
knecht, noch zijne dienstmaagd,
noch zijnen os, noch zijnen ezel,
noch iets van al wat hem toebehoort.
Men moet daarenboven onderhouden:
1.  De geboden Feestdagen der
heilige Kerk, zoo wel als den hei-
ligen Zondag, op straffe van dood-
zonde. Ten minste ééns \'sjaars
biechten, en het heilig Sakrament
des Altaars met Paschen in zijne
Parochie (daar het geschieden
kan) ontvangen.
2.  Vrijdags en zaturdags geen
vleesch eten.
3.  Vasten op de vastendagen,
quatertemperdagen en de geheele
vaste; wanneer men zich ook moet
onthouden van hetgene verboden
wordt, tenzij dat men om wettige
reden verlof daartoe hebbe.
4. Om christelijk te leven, is het
-ocr page 15-
.MORGENGEBEDEN.                           9
noodig deheiligeSakramenten wel
te gebruiken.
Zij zijn deze zeven :
1. Het Doopsel. 2. Met Vormsel.
3. Met H. Sakrament des Altaars.
4.DeBiecht.5.HetH.Oliesel. 6. Het
Priesterschap. 7. Met Huwelijk.
MORGENGEBEDEN.
—*§*~
Het morgengebed is een pligt, die God
van ons eischt, als eerstelingen van den
dag. Met welke godsdienstigheid moeten zij
hem opgeofferd worden ! Van de vervulling
van dezen eersten pligt, hangt de geheele
uitslag der werken van het overige van den
dag af. Het zoude oneindig veel gewaagd
zijn, den dag te beginnen , zonder aan God
de hulp zijner genade gevraagd te hebben,
en zonder hem bedankt te hebben voor de
rust der nacht. Weiger heui nooit deze dub-
bele schatting.
Maar eer gij gaat bidden, verdiep u een
-ocr page 16-
10                      MORGENGEBEDKN.
oogcuhlik iu uzelven. Begrijp wat gij zijt,
en wat God is, in wiens tegenwoordigheid
gij staat : gij zult ligtelijk bevatten het ge-
wigt van de zaak, die gij doen, en de ge-
voelens van ootnioedigheid, van berouw
over de zonden, van eerbied, van aandach-
tigheid, van zedigheid, van vurigheid en
van liefde, met welke gij het altijd doen
moet.
Dit zijn de uitwendige gesteltenissen,
waarmede men met God moet omgaan in
het gebed.
In den naam des Vaders, en des
Zoons, en des II. Geestes. Amen.
Stel u in Gods tegenwoordigheid :
aanbid zijnen heiligen Naam.
Allerheiligste en allerhoogwaar-
digste Drievuldigheid, één God in
drie personen! ik geloof dat Gij hier
tegenwoordig zijt; ik aanbid Üinet
de allerdiepste gevoelens van oot-
moedigheid, en geef U met al mijn
hart de eer, die men schuldig is
aan uwe opperste Majesteit,
-ocr page 17-
MOBGENGEBEDEN.                       \\\\
Bedank God voor de ontvangene genade,
en offer u aan hem op.
Mijn God! ik bedankU zeer oot-
moedig voor de genade, die Gij mij
tot heden bewezen hebt. liet iseene
uitwerking van uwe goedheid, dat
ik wederom dezen dag zie : ik wil
hem ook alleen gebruiken om U te
dienen. Ik draag er U van op al
de gedachten, woorden, werken en
moeijelijkheden. Zegen ze, Heer,
opdat ze allen bezield zijn door
uwe liefde, en strekken tot uwe
meerdere eer.
Maak een voornemen van de zonden te
vlugten, en de deugden te oefenen.
Aanbiddelijke Jesus! goddelijk
voorbeeld van volmaaktheid, naar
hetwelk wij moeten trachten : ik
zal mij bevlijtigen, zoo veel als ik
kan, om mij gelijkvormig te maken
aan U; zachtmoedig, ootmoedig,
-ocr page 18-
]2                     MORGENGEBEDEN.
zuivel*, vurig, geduldig en onder-
worpen gelijk (lij. aan den wil van
den hemelschen Vader, en ik zal
bijzonder al mijne vlijt aanwenden,
om van daag niet te hervallen in de
gebreken, die ik dikwijls bedreven
heb en van welke ik mij opregt be-
geer te verbeteren.
Vraag aan God de genade, die u
noodig is.
Mijn God! Gij kent mijne zwalo
heid. Ik kan niets zonder den bij-
stand uwer genade. Weiger mij
dezelve niet, o mijn God! schik ze
naar mijn behoefte; geef mij kracht
genoeg om a 1 het kwaad dat G ij ver-
biedt te vlugten, al het goede te
oefenen dat Gij van mij verwacht,
en om geduldig te lijden al dekwel-
lingen, die hetU zal gelieven mij
toe te zenden.
Het gebed des Heeren.
Onze Vader, die in de hemelen
-ocr page 19-
MORGENGEBEDEN.                      13
zijt! Geheiligd zij uw naam. Ons
toekome uw rijk. Uw wil geschiede
op de aarde als in den hemel. Geef
ons heden ons dagelyksch brood.
Envergeefonsonzeschulden, gelijk
wij vergeven onzen schuldenaren.
En leid ons niet in bekoring. Maar
verlos ons van den kwade. Amen.
De groetenis des Engels.
Wees gegroet, Maria, vol van ge-
nade; de Heer is met u; gezegend
zijt gij boven alle vrouwen, en ge-
zegend is de vrucht uws ligchaams
Jesus. Heilige Maria, Moeder Gods!
bid voor ons, zondaars, nu en in
het uur onzes doods. Amen.
Het Geloof.
Ik geloof in God den Vader al-
magtig. Schepper van hemel en
van aarde. En in Jesus Christus ,
zijneneenigen Zoon, onzen Heer;
die ontvangen is van den heiligen
-ocr page 20-
14                       MORGENGEBEDEN\'.
Geest, geboren uit de Maagd Maria;
die geleden heeft onder Pontius Pi-
latus; die gekruist, gestorven en
begraven is. Die nedergedaald is
ter helle; ten derden dage is hij
verrezen van den dood ; hij is op-
geklommen ten hemel, en zit ter
regterhand Gods, zijns Vaders al-
magtig; van daar zal hij komen oor-
deelen de levenden en de dooden. Ik
geloof in den heiligen Geest; ééne
heilige Ka tho 1 ij ke K erk, de genieën»
schap der Heiligen, vergiffenis der
zonden, verrijzenis des vleesches,
en het eeuwige leven. Amen.
Belijdenis der zonden.
Ik belijd voor God almagtig, de
heiligeMaria, altijd maagd ,denhei-
ligen Miehaél aartsengel, den hei-
ligen Joannes den Dooper, de hei-
lige apostelen Petrus en Paulus,
en alle Heiligen, dat ik zeer gezon-
digd heb, met gedachten, woorden
-ocr page 21-
MORGENGEBEDEN.                      15
en werken. Het is mijne schuld ,
mijne schuld, mijne allergrootste
schuld. Daarom bid ik de heilige
Maria, altijd maagd, den heiligen
aartsengel MiehaëLde hei ligea pos-
telen Petrus en Paulns, en alle
Heiligen, onzen Heer en God voor
mij te willen bidden.
De almogende God ontferme
zich onzer, en onze zonden ver-
geven hebbende, brenge ons tot
het eeuwige leven. Amen.
Ontslag, kwijtschelding en ver-
giffenis van al onze zonden verlee-
ne ons de almogende en barmhar-
tige Heei\'. Amen.
Gebed tot de heilige Maagd, uwen goeden
Engel en uwen heiligen Patroon
Heilige Maagd. Moeder Gods,
mijne lieve Moeder en Patrones!
ik stel mij onder uwe bescherming,
en werp mij met betrouwen in
den schoot uwer barmhartigheid.
-ocr page 22-
16                    MORGENGEBEDEN.
Wees, o Moeder van goedheid,
mijne toevlugt inden nood,en mijne
voorspreekster bij uwen aanbidde-
lijken Zoon, heden en al de dagen
mijns levens, en bijzonder in het
uur van mijnen dood.
Engel des hemels, mijn getrouwe
en liefderijke leidsman! verwerf mij
van zoo gehoorzaam te zijn aan
uwe ingevingen, en mijne voetstap-
pen zoo wel te rigten, dat ik niet
afdwale van den weg der geboden
van mijnen God.
Groote Heilige, wiens naam ik
draag! bescherm mij en bid voor
mij, "opdat ik God, gelijk gij, mag
dienen op de aarde, en hem eeu-
wig met u verheerlijken in den
hemel. Amen.
GEBED.
Heer Jesus Christus, die gezegd
hebt: vraagt, en gij zult verkrij gen;
zoekt, en gij zult vinden; klopt, en
-ocr page 23-
MORGENGEBEDEN.             17
u zal open gedaan worden: geef ons
de genade, om te begrijpen de
genegenheid van uwe goddelijke
liefde; opdat wij U beminnen uit
geheel ons hart, U belijden met
den mond en het hart, en nooit
ophouden U te loven.
De Engel des Heeren heeft Maria
geboodschapt; en zij heeft ontvan-
gen van den heiligen Geest. Wees
gegroet, enz.
Zie de dienstmaagd des Heeren;
mij geschiede naar uw woord.
Wees gegroet, enz.
En het Woord is vleesch gewor-
den; en het heeft onder ons ge-
WOOnd. Wees gegroet.
Hier overweegt men de bijzondere fou-
ten, die men voorgenomen heeft te ver-
beteren. Ten eerste, men neemt zich voor
dezelve met kracht te vlugten. Ten twee-
de, men voorziet de gelegenheden van er
in te vallen. Ten derde, men vernieuwt zijne
voornemens. Ten vierde, men vraagt aan
God den bijstand zijner genade.
2
-ocr page 24-
18 AVONDGEBEDEN.
Is het dat men na al deze voorzorg in
vlijt, die men door den dag aanwendt,
nog in zonden mogt vallen, dan vraagt
men er vergiffenis van , en men legt
zich aanstonds eene kleine boetvaardig-
heid op, zonder echter den moed te
verliezen.
MWNÈMMXL
Is er veel aan gelegen den dag we! te
beginnen, er is niet minder aan gelegen
dien wel te eindigen. De nieuwe gun-
sten, die God ons toegestaan heeft over
dag, en de bescherming welke wij noo-
dig hebben om de nacht zonder gevaar,
door te brengen, zijn nieuwe beweeg-
redenen om God te bidden, en zulks te
doen in de gesteltenis die wij reeds aan-
gewend hebben.
Het onderzoek des avonds, hetwelk
men moet aanzien als eene der voornaam-
ste pligten van het christelijke leven, is
het bijzonderste deel van deze laatste oefe-
ning van den dag, Men heeft er de leerwij-
ze van in de volgende acten: tegenwoordig\'
heid Gods
, dankzegging, vraag , onderzoek,
droefheid en goed voornemen.
-ocr page 25-
AVONDGEBEDEN.               19
De bijzondere zegeningen, welke God
uitstort over de huisgezinnen, waar de
gebeden gezamenlijk gelezen worden , moe-
ten u krachtdadig aanzetten, om het ge-
bruik van eene zoo heilige en stichtelijke
oefening aan te nemen; bijzonder des
avonds, wanneer men allergemakkelijkst
kan te zamen komen. Want waar er twee
of drie in mynen naam vergaderd zijn ,
zegt Jesus, daar ben ik in het midden van
hen.
Wat is er meer aanmoedigend? Wat
moet men niet verlaten, om zich zoo een
groot geluk te verschaffen?
In den naam des Vaders, en des
Zoons, en des heiligen Geestes.
Amen.
Laten ivij ons stellen in de te<jen-
icoordigheid van God, en hem
aanbidden.
Ik aanbid U, o mijn God, met
de onderwerping\', die mij de te-
genwoordigheid van uwe opperste
grootheid ingeeft. Ik geloof in U ,
omdat Gij de waarheid zelve zijt.
-ocr page 26-
20           AVONDGEBEDEN.
Ik hoop op U, omdat Gij oneindig
goed zijt. Ik bemin U uit geheel
mijn hart, omdat Gij ten hoogste
beminnelijk zijt; en ik bemin mijne
naasten als mij zelven, om de
liefde van U.
Laat ons God danken vooi* de gena-
de, die hij ons gegeven heeft.
Welke dankzegging zal ik U
doen, o mijn God, voor al het
goede dat ik van U ontvangen
heb? Gij hebt op mij van alle
eeuwigheid gedacht; Gij hebt mij
uit het niet getrokken; Gij hebt
uw leven gegeven om mij te ver-
lossen, en Gij vervult mij nog alle
dagen met een oneindig aantal
gunsten. Helaas, Heer! wat zal ik
doen tot erkentenis van zoo vele
goedheden? Vereenigt u met mij,
gelukzalige Geesten, om den God
van barmhartigheid te loven, die
niet ophoudt van goed te doen,
-ocr page 27-
AVONDGEBEDEN. 21
aan het alleronwaardigste en on-
dankbaarste zijner schepselen;
Laat ons God vragen om onze zon-
den te kennen.
Eeuwige Oorsprong,\' des lichts!
heilige Geest! verdrijf de duister-
nis die mij de afschuwelijke boos-
heidmyner zonden verbergt. Doe,
o God, doe mij er zoo grooten af-
schrik van krijgen, dat ik dezelve
hate, zoo het mogelijk is , gelijk
Gij die zelf haat, en dat ik niets
meer vreeze, dan dezelve in het
toekomende te bedrijven.
Laat ons het bedrevene kwaad
onderzoeken. Tegen God : Nalatig-
heid of verzuim in onze pligten
van godsvrucht, oneerbieclig,-
hedenin de kerk, vrijwillige ver-
strooidheden in onze gebeden. ge-
brek aan goede meening, weder-
stand aan de genade, zwering,
misnoegen, gebrek van vertrou-
-ocr page 28-
22             AVONDGEBEDEN.
wen en overgeving aan den wil
Gods.
Tegen onze naasten : Ligtvaardig
oordeel,verachting, haat, afgunst,
begeerte van wraak, twist, op-
loopendheid, kwaadwensching,
scheldwoorden, achterklap, be-
schimping, valsche betigting,
schade aan goed of eer, kwaad
voorbeeld, ergernis, gebrek van
eerbied, van gehoorzaamheid, lief-
de, moed en getrouwheid.
Tegen ons zelven : IJdelheid, meil-
schelijk opzigt, leugens, gedach-
ten, begeerten, gesprekken en wer-
ken tegen de zuiverheid, onge-
bondenheid, gramschap, ongedul-
digheid, wulpsch en vuil leven,
traagheid in het volbrengen der
pligten van onzen staat.
Laat ons een opregt berouw
verwekken.
Zie mij hier, Heer, geheel met
-ocr page 29-
AVONDGEBEDEN.              23
schaamte en droefheid overdekt,
door het gezigt mijner zonden. Ik
verfoei dezelve voor U, met een
opregt leedwezen eenen zoo goeden
God vergramd te hebben, eenen
God zoo minzaam en zoo waardig
om bemind te worden. Was het
dit, o mijn God, dat Gij moest
verwachten van mijne erkentenis,
na mij bemind te hebben tot het
vergieten van uw bloed voor mij ?
Ja, Heer! ik heb mijne boosheid
en ondankbaarheid te ver gedre-
ven : ik vraag er U ootmoediglijk
vergiffenis van, en smeek U, o
mijn God, door diezelfde goedheid,
van welke ik zoo dikwijls de uit-
werksels gevoeld heb, mijdege-
nade te vergunnen, van er nu en
tot den dood toe ware boetvaar-
digheid over te doen.
-ocr page 30-
24           AVONDGEBEDEN.
Laat ons een vast voornemen maken
van niet meer te zondigen.
Hoe zou ik wenschen, o mijn
God, U nooit vergramd te hebben!
maar, vermits ik zoo ongelukkig*
ben geweest U te mishagen, zal
ik U de droefheid, die ik er van
heb toonen, door een gedrag ge-
heel tegenstrijdig aan hetgeen ik
tot nu toe gehad heb. Ik verzaak
van nu af de zonden en de gelegen-
heden derzelve, en bovenal die
waarin ik zoo dikwijls de zwakheid
heb te hervallen; en indien Gij
U verwaardigt mij de genade te
vergunnen, gelijk ik ze vraag en
hoop te verkrijgen, zoo zal ik
trachten getrouwelijk mijne plig-
ten te volbrengen, en niets zal
bekwaam zijn mij te wederhouden
U te dienen. Amen.
Hier bidt men het Gebed des
-ocr page 31-
AVONDGEBEDEN.              25
Heeren, de Groetenis des Engels het
Geloof en de Belijdenis der zonden,
bladz. 14.
Laten toij ons aanbevelen aan God,
aan de heilige Maagd Maria, en
aan alle Heiligen.
Zegen, o mijn God, de rust die
ik ga nemen om mijne krachten
te herstellen, opdat ik U beter mag*
dienen. Heilige Maagd, Moeder van
mijnen God, en na hem mijne eenige
hoop! mijn goede Engel en mijn hei-
lige Patroon! bidt voor mij, en be-
schermt mij ged urend e d ezen na cht,
en geheel den tijd mijns levens, en
in het uur mijns doods. Amen.
Laat ons bidden voor de levenden en
overledene geloovigen.
Stort, Heer, uwe zegeningen uit
over mijne ouders, weldoenersr
vrienden en vijanden; bescherm al
degenen die Gij mij gegeven hebt
-ocr page 32-
26             AVONDGEBEDEN.
voor meesters, zoo geestelijke als
wereldlijke. Help de armen, de
gevangenen, de bedroefden, de
reizigers, de zieken en de ster-
venden. Bekeer de ketters, en ver-
licht de ongeloovigen.
God van goedheid en barmhar-
tigheid! heb ook medelijden met
de zielen der geloovigen, die in het
vagevuur zijn. Maak een einde aan
hare pijnen, en geef aan die, voor
welke ik verpligt ben te bidden,
de rust en het eeuwige licht. Am.
GEBED.
Almagtige en eeuwige God, die
het ligchaam en de ziel der allerhei-
ligsteMaagd en Moeder Gods Maria
bereid hebt, opdat zij, door deme-
dewerking des heiligen Geestes,
verdienen zonde eene waardige
woonplaats te wezen voor uwen
lieven Zoon: geef dat wij, die ons
in haar aandenken verblijden, door
-ocr page 33-
AVONDGEBEDEN. 27
hare goedertierene gebeden van
den eeuwigen dood mogen verlost
worden : door denzelfden Christus
onzen Heer. Amen.
Ander Gebed
Wij bidden U, Heer, deze woon-
plaats te bezoeken en er van af te
weren alle listen des vijands; dat
uwe heil ige Engelen daarin wonen,
om ons in vrede te bewaren, en dat
uw zegen altijd over ons blijve: door
Jesus Christus onzen Heer. Am.
Gebed tot alle Heiligen.
Gelukzaligezielen, die de genade
gehad hebt tot de eeuwige heer-
lij kheid te komen: verwerft mij
twee zaken van Hem, die onze
algemeene God en Vader is, name-
lijk: hem nooit doodelijk te ver-
grammen, en dat hij al wathemmis-
haagt van ons wegneme. Amen.
De Engel des Heeren,enz. bl. 17.
-ocr page 34-
ONDETtWUZINGEN EN GEBEDEN
VOOR EN ONDER DE HEILIGE MIS.
Oefening van eene Qodminnende ziel onder
de goddelijke Dienst.
Na het sursüm corda , verheft zich de ziel
boven al het aardsche en al hetgeen daar
omgaat; zij houdt zich bezig met de zalige
geesten en met de allerheiligste Drievuldig-
heid te loven, zeggende sanctus, sanctus,
sanctus.
Maar dan, wanneer de Priester de stille
gebeden spreekt, rigt zij hare oogen op het
kruisbeeld, Christus heilig hoofd met door-
nen gekroond aanziende, en beveelt hetzelve
het Opperhoofd der heilige Kerk, den paus,
de bisschoppen, priesters, keizers en konin-
gen aan. En de wonde van Jesus regter-
hand beziende, beveelt zij daarin hare ouders
en bloedverwanten. In de wonde van Jesus
linkerhand, beveelt zij al hare vijanden, en
al degenen waarvan zij eenig leed of ergernis
ontvangen heeft. In de wonde van Jesus
regtervoet, beveelt zij de personen en zaken
die haar aanbevolen zijn. In de wonde van
-ocr page 35-
GEBEDEN ONDER DE H. MIS. 29
Jesus linkervoet, beveelt zij alle zondaren,
opdat zij mogen bekeerd worden. En in
de wonden van Jesus hart, beveelt de God-
minnende ziel zich zelve, en bidt om al
hetgeen zij tot hare zaligheid noodig
heeft.
In de wonden van Jesus ligchaam, be-
veelt zij alle ketters en ongeloovigen, opdat
zij mogen bekeerd worden. Aan het kruis
van Jesus, beveelt zij alle geestelijke orden
en personen, opdat zij het kruis van hunnen
regel geduldig mogen dragen. En in de
tranen van den goeden Jesus, en het speek-
sel waarmede in zijn heilig aangezigt ge-
spogen werd, beveelt zij allen die met laster
en ongelijk overvallen worden.
In de laatste verzuchtingen van Jesus,
toen hij zijn hoofd stervende nederboog,
beveelt zij allen die in doodsangst zijn en
om de eeuwigheid strijden.
Onder de heilige Consecratie offert zij zich
zelve met Jesus aan zijnen hemelschen Vader
op, als eene levende offerande, en bidt
hem, dat het hem believe zijne belofte in-
dachtig te zijn, die hij gedaan heeft toen
hij zeide: als ik van de aarde verheven zal
zyn, zal ik alle dingen tot mij trekken,
en
verzoekt aan den hemelschen Vader, dat hij
door de wonden van zijnen Zoon en door
-ocr page 36-
30            GEBEDEN ONDER
zijn dierbaar bloed, de wereld wil aanzien ,
en de vlammen des vagevuurs uitdooven,
waar zijne kinderen lijden, voor wien dat
dierbaar bloed zoo mildelijk is uitgestort.
Korte gebeden voor alle menschen, te bidden
onder de goddelijke Dienst.
Hemelsche Vader! ik draagU op
uwen lijdenden Zoon met zijne on-
eindige verdiensten; ik bid U, ont-
ferm U over ons door dat bitter
lijden.
Hemelsche Vader! ik bid de hei-
lige Moeder Gods en alle lieve Hei-
ligen, door hare gebeden, ontferm
U over ons.
Hemelsche Vader! ik draag U
op mij zelven, zooals ik ben; wil
mijne zonden vergeven, mij voor
aanvechtingen bewaren, en in
deugden versterken.
Hemelsche Vader! ik smeek U
voor alle menschen die in de we-
reld zijn; wil de zondaars bekee-
-ocr page 37-
DE HEILIGE MIS.             31
ren, en de deugdzame menscheu
versterken.
Hemelsche Vader! ik bid U voor
al de geloovige zielen, die in het
vagevuur lijden. Heer! geef haar
de eeuwige rust, en het eeuwige
licht verlichte haar. Amen.
Het volgende gebed moet men met
eene diepe vernedering des harten uil-
spreken , als men andei^e gebeden ge-
lezen heeft voor de II. Communie.
O Heer! ik ben niet waardig,
om al mijne euveldaden.
Dat dit voedsel mijne zwakke ziel
zou verzaden.
O Heer! ik ben niet waardig dat
Gij mij uw\' disch bereidt,
En mij, met schuld bevlekt,
als dischgenoot verbeidt.
O Heer! ik ben niet waardig dat
Gij treedt in mijne woning,
-ocr page 38-
32             GEBEDEN ONDER
Ik ben een schaamle slaaf, Gij
zijt mijn vorst en koning;
Doch door een enkel woord,
o Goddelijke menschenvriend!
Herkent Gij in uw knecht, uw
wederkeerend kind.
Als men met het H. Sakrament den
zegen geeft, zeg:
Geef mij, Heer, uwen zegen, om
in uwe liefde te leven en te sterven.
Kom, Heer Jesus! bezit mijn
hart alleen; wil het tot U oplei-
den, opdat ik niet leve dan om U
te beminnen.
Jesus! verlos mij door uw bloed,
van al mijne zonden en gebreken;
ontvonk mijn hart in uwe liefde.
O Jesus! aan U geef ik mijnhart,
door Maria uwe Moeder.
Maria, Moeder van Jesus, Moe-
der der barmhartigheid! verkrijg
goed willig mijn hart, naar het hart
van Jesus, uwen beminden Zoon.
-ocr page 39-
DE H. MIS.                 33
Maria, liefderijke Moeder! leer
mij Jesus beminnen.
HET BEGIN DER HEILIGE MI».
In den naam des Vaders, en des
Zoons, en des heiligen Oeestes. Am.
Ik zal ingaan tot liet altaar Gods:
tot God die mijne jeugd verblijdt.
Oordeel mij, God, en onderscheid
mijne zaak van het onheilig volk:
verlos mij van den boozeu en be-
driegelijkeu mensen.
Want Gij, God.zijtmijnesterkte;
waarom hebt Gij mij verstooten,
en waarom ga ik bedroefd, als mij
de vijand kwelt?
Zeud uit uw licht en uwe waar-
heid; deze hebben mij geleid en ge-
bragt tot uweu heiligen berg en in
uwe tabernakelen.
En ik zal ingaan tot het altaar
3
-ocr page 40-
34            GEBEDEN ONDEE
Gods; tot God die mijne jeugd
verblijdt.
Ik zal U belijden met het hart,
God, mijn God! waarom ontstelt
gij u?
Betrouw op God; want ik zal hem
nog* loven, de zaligheid van mijn
aangezigt en mijn God.
Eere zij den Vader, en den Zoon,
en den heiligen Geest: gelijk het
was in het begin, nu en altijd, en
in de eeuwigheid. Amen.
Ik zal ingaan tot het altaar Gods:
tot God die mijne jeugd verblijdt.
Onze hulp is in den naam des
Heeren, die hemel en aarde ge-
maakt heeft.
De Confiteor of schuldbelijdenis.
Ik belijd voor God almagtig, de
heilige Maagd Maria, den heiligen
Michaël aartsengel, den heiligen
Joannes den dooper, de heilige
Apostelen Petrus en Paulus, en alle
-ocr page 41-
DE H. MIS.                 35
Heiligen, dat ik zeer gezondigd heb:
met gedachten, woorden en \\ver-
ken; het is mijne schuld, mijne
schuld, mijne allergrootste schuld;
daarom bid ik de heilige Maagd
Maria, den heiligen Joannes den
dooper, de heilige Apostelen Pe-
trus en Panlns, en alle Heiligen,
den lieer onzen God voor mij te
willen bidden.
De almogende God moge zich
onzer ontfermen, en, onze zonden
vergeven hebbende, ons brengen
tot het eeuwige leven. Amen.
Ontslag, kwijtschelding en ver-
giffenis, verleene ons de almagtige
en barmhartige Heer. Amen.
Heer! tot ons gekeerd zijnde,
zult Gij ons weder doen leven, en
uw volk zal zich in U verblijden.
Toon ons, Heer, uwe barmhar-
tigheid, en geef ons uwe zaligheid.
Heer! verhoor mijn gebed, en
laat mijn geroep tot U komen.
-ocr page 42-
86             GEBEDEN" ONDER
GEBED.
Neem van ons, bidden wij U.Heer,
al onze ongeregtigheden, opdat wij
met oen zuiver hart mogen ingaan
in het Heilige der Heiligen : door
Jesus Christus onzen Heer. Am.
Introïtus en Kyrie eleison.
O Hemelsein1 Vader! onze Hoo-
gepriester Jesus Christus, uw
eenige Zoon, is voor ons, arme zon-
daars, ingegaan tot den troon uwer
genade, daar hij de eenige midde-
laar is, om al diegenen zalig te ma-
ken, die door Hem tot U gekomen
zijn. Geef dezen priester, als eenen
dienaar van uwen eenigen Zoon,
dat hij geestelijk, met gedachten
en liefde, zoo tot U, door Jesus
Christus, ga, dat hij door die offer-
ande, voor mijne en alle zonden der
wereld, door de verdiensten van
Jesus Christus, vergiffenis magver-
-ocr page 43-
DE H. MIS.                 37
werven, en dat wij. door uwe barm-
hartigheid, van alle kwaad verlost
zijnde, onder uwen heiligen zegen
in deugden en voor de eeuwige glo-
rie mogen leven.
Hij heeft haar gespijsd niet het
merg van het koren. Alleluja, en
hij heeft haar verzadigd niet honig
uit de steenrots: Alleluja, Alleluja.
Verheug u in God. onzen helper:
juich in den God van Jacob. Eere
zij den Vader, en den Zoon, en den
heiligen \'Geest, enz.
Hij heeft haar gespijsd niet het
merg van het koren, en hij heeft
haar verzadigd met honig uit de
steenrots. Alleluja, Alleluja, A1-
leluja.
Heer, ontferm U onzer. Driemaal.
Christus, Olltf.U onzer. Driemaal.
Heer, ontferm U onzer. Driemaal:
De Lofzang Gloria in Excélsis.
Glorie zij God in den hoogste,
-ocr page 44-
38             GEBEDEN ONDEE
en op de aarde vrede onder al de
menschen die van goeden wil zijn.
Wij loven U, wij prijzen U, wij
aanbidden U, wij verheerlijken U,
Heer God, henielsche Koning, God
almagtige Vader. Heer Jesns Chris-
tns, eeniggeboren Zoon;Heer God,
Lam Gods, Zoon des Vaders, die
de zonden der wereld wegneemt,
ontvang ons gebed; die zit aan de
regterhand des Vaders, ontferm U
onzer: want Gij zijt alleen heilig,
alleen de allerhoogste, Jesns Chris-
tus: met den heiligen Geest, in de
heerlijkheid des Vaders. Amen.
GEBED.
O God, die ons onder dit won-
derbaar Sakrament de gedachtenis
van uw lijden hebt nagelaten: laat
ons, bidden wij U, de heilige ge-
heimen van uw ligchaam en bloed
zooeeren, dat wij gedurig de vruch-
ten onzer verlossing in ons mogen
-ocr page 45-
DE H. MIS.                  39
gevoelen: die leeft enheerscht,met
den Vader en den heiligen Geest,
in alle eenwen der eeuwen. Ara.
De Epistel, uit I. Corinth. kap. XI.
Broeders! ik heb van den Heer
ontvangen, wat ik u ook geleerd
heb, namelijk dat de Heer Jesus,
in den nacht dat hij geleverd werd,
brood genomen heeft, en danken-
de het heeft gebroken en gezegd :
ontvangt en eet het; dit is mijn
ligchaam
dat voor u geleverd zal
worden; doet dit tot mijne gedach-
tenis. Zoo ook den kelk, nadat hij
het Avondmaal genuttigd had, zeg-
gende: deze kelk is mijn bloed; doet
dit, zoo menigmaal als gij het zult
drinken, tot mijne gedachtenis;
want zoomenigmaalals gij dit brood
zult eten en dezen kelk drinken,
zultgij den dood des Heeren verkon-
digen, tot dat hij komt. Daarom, wie
dit brood onwaardig zal eten, en
-ocr page 46-
40            GEBEDEN ONDER
den kelk des Heeren onwaardig
drinken, die zal schuldig zijn
aan het ligchaam en bloed des Ilee-
ren! Dat dus demenschzich zelven
beproeve,enalzooete van dit brood
en drinke van den kelk : want die
het onwaardig eet en drinkt, die
eet en drinkt voor zicbzelven het
oordeel, niet onderscheidende het
ligchaam des Heeren. God zij dank.
Graduale.
Alle oogen hopen op U, Heer, en
Gij geeft hun spijs op gelegene tijd.
Mijn vleesch is waarlijk spijs en
mijn bloed is waarlijk drank; die
mijn vleesch eet, en mijn bloed
drinkt, die blijft in mij, en ik in
hem. Alleluja.
ö Heer! neem geene wraak over
mijne zonden, en gedenk mijner
en mijner ouders misdaden niet.
Job. I.
Wie begrijpt alle zonden ? van
-ocr page 47-
DE H. MIS.                   41
mijne verborgenheden zuiver mij
Heer, en spaar uwen dienaar van
vreemde zonden. Psalm 18.
Wil, o lieer, de zouden mijner
jeugd en mijner onwetendheden
niet gedachtig wezen. Psalm 24.
Tot U ben ik gevlugt; leer mij
uwen wil, want Gij zijt mijn God.
Psalm 113.
Ik heb gedoold als een verloren
schaap: zoek toch, Heer, uwen
dienaar; want uwe geboden heb ik
niet vergeten. Psalm 118.
Eere zij God. den Vader der
barmhartigheden en God van alle
vertroostingen, ons vertroostende
in al onze kwellingen en benaauwd-
heden. 2. Cor. l.
LOFZANG: LAUDA SION SALVATOREM.
Loof, o Sion, den Behoeder,
Loof uw Herder, loof uw\' Voeder,
Met gezang en maatgeluid;
Loof hein, loof hem naar vermogen,
Die geen lofzang kan verhoogen,
En wiens lof men nooit volduidt.
-ocr page 48-
42            GEBEDEN ONDEB
O, wat stof tot lof gegeven!
\'t Levend brood en \'t ziele-leven
Wordt ons heden voortgebragt:
\'t Zelfde dat de Apostelen aten,
Toen zij aan den Paaschdisch zaten,
In huns Meesters jongsten nacht.
Laat dan, op de schelste wijzen,
Blij den lof ten hemel rijzen;
Weest verheugd in uwen geest,
Want \'t betaamt, dat wij versieren,
En met zielsgenoegte vieren,
De eerste instelling van dit feest.
De oude schijnsels zijn verdwenen,
\'t Nieuwe Paaschlam is verschenen,
\'t Vorige neemt hierdoor een end;
Want de nacht wijkt voor de klaarheid,
En de schaduw voor de waarheid
Van het Nieuwe Testament.
\'t Geen dat Christus zelf verrigtte,
Toen hij \'t Nieuw-Verbonds-pand stichtte,
Wil hij dat de priesterschaar,
Zijn\' gedachtenis ter eere,
Ook doe, en dus consacreere
Brood en wijn op \'t nieuw altaar.
Immers, \'t is de leer des Heeren,
Dat en brood en wijn verkeeren
In zijn heilig Vleesch en Bloed.
-ocr page 49-
DE H. MIS.                  43
Verstand noch oog kan dit opmerken;
\'t Heil-geloof zal ons versterken,
Wijl \'t begrip hier zwichten moet.
Onder tweederhande schijnen,
Waar de wezens van verdwijnen,
Schuilt het allerheiligst pand :
Christus zelf, hier drank en spijze,
Houdt geheel op deze wijze,
In elke der gedaanten stand.
Hij, niet deelbaar noch te breken,
(Want de breuk valt op het teeken)
Wordt genuttigd gansch en heel;
Hij verteert niet — Nut hem ééne,
Of ook duizend, al degene
Die hem nut krijgt evenveel.
Goeden nutten Hem, ook kwaden :
Doch, waar de eene vindt genade,
Daar vindt de ander wis den dood.
Kwaden van dit voedsel sterven,
Daar de goeden \'t leven erven;
Zoo verscheiden werkt dit brood.
Als gij ziet de Hostie breken,
Uw geloof zij onbezweken;
Denk dat Christus onder \'t teeken
Rust en blijft in ieder deel .
\'t Teeken heeft de breuk geleden;
\'t Zaaklijk der zelfstandigheden,
-ocr page 50-
44             GEBEDEN ONDEE
Kan niet worden doorgesneden,
Maar blijft in zijn stand geheel.
Zie hier \'t brood der Englen monden,
Voor de menschen afgezonden,
Niet te werpen voor de honden,
Want \'t is waarlijk \'t kindren brood.
In figuur zien wij verklaren,
Daar wij \'t Manna zien vergaren;
Izaak zien ten offer varen,
En als \'t Paaschlam werd gedood.
Goede Herder, brood van \'t leven !
Wees genadig, wil ons geven
Voedsel, bijstand : daar beneven,
Doe ons tot U opwaarts streven,
Trek ons uit het aardsche slijk.
Gij, die ons, die hier nog zwerven,
Spijst en voedt, laat ons verwerven
Uw genade; en als wij sterven,
Doe ons dan uw tafel erven,
Met de burgers van uw rijk. Amen.
Het heilig\' Evangelie : Joannes,
kap. 6. U zij glorie, Heer.
In dien tijde heeft Jesns tot de
scharen der Joden gezegd: mijn
vleesch is waarlijk spijs, en mijn
-ocr page 51-
DE H. MIS.                 45
bloed is waarlijk drank; die mijn
vleesch eet en mijn bloed drinkt,
blijft in mij en ik in hem; gelijk de
levende Vader mij gezonden heeft,
en ik leef om den Vader, alzoo, die
mij eet, zal ook in mij leven. Dit is
het brood, dat van den hemel ne-
dergedaald is; niet gelijk uwe
vaders het Manna hebben gegeten,
en gestorven zijn: die dit brood
eet, zal in eeuwigheid leven.
U zij lol\', Christus, die door U zel-
ven, en door de Apostelen, U ver-
waardigd hebt het Evangelie over
de geheele wereld te prediken, en
de ongeloovigen te verlichten met
het licht des waarachtigen geloofs.
De Credo of Geloofsbelijdenis.
ïk geloof in eenen God, den Va-
der almagtig, Schepper van hemel
en aarde, van alle zigtbare en on-
zigtbare dingen : en in éénen Heer
Jesus Christus, den eeuiggeboren
-ocr page 52-
46            GEBEDEN ONDER
Zoon Gods, die uit den Vader ge-
boren is voor alle tijden; God van
God, licht van licht, waarachtige
God van den waarachtigen God ,
geboren eii niet geschapen; van
één wezen met den Vader, door
wien alle dingen gemaakt zijn; die
om ons menschen en om onze za-
ligheid nedergedaald is uit de he-
melen, en is vleesch geworden
door den heiligen Geest, uit de
Maagd Maria, en hij is mensen ge-
worden; die ook gekruist is voor
ons onder Pontius Pilatus; die is
gestorven en begraven, en ten der-
den dage wederom is opgestaan,
naar de Schriftuur, en is opgeklom-
men ten hemel, en zit ter regter-
hand des Vaders, en zal wederko-
men met heerlijkheid, en oordee-
len levenden en dooden; wiens rijk
geen einde zal hebben: en in den
heiligen Geest, den Heer, die le-
vend maakt; die van den Vader en
1
;
-ocr page 53-
DE H. MIS.                 47
den Zoon voortkomt; die met den
Vader en den Zoon gelijk aange-
beden en verheerlijkt wordt; die
door de Profeten gesproken heeft.
En ééne heilige katholijke en apos-
tolijke Kerk. Ik belijd een doopsel
tot vergiffenis der zonden, en ik
verwacht de verrijzenis der doo-
den, en het leven der toekomende
eeuwen. Amen.
De Heer zij met u, en met uwen
geest.
Het Offertorium.
De Priesters des Heeren offeren
aan God brandoffers en brood :
daarom zullen zij voor hunnen
God heilig zijn, en zullen zijnen
naam niet besmetten. Alleluja.
O allerbarmhartigsteHeer! aller-
zoetste Zaligmaker Jesus! ik bid U
niet hartelijke zuchten, dat Gij U
verwaardigt mij opregt leedwezen
over mijne zonden te geven, en mij ne
-ocr page 54-
48             GEBEDEN ONDER
ziel met uwe goddelijke liefde en
genade te vervullen : maak mij en
alle menschen begeerig naar uwen
dienst, en rijk in deugden, en wees
gedachtig dat Gij ons met uw dier-
baar bloed eii uwen bitteren dood
aan het kruis hebt verlost. Amen.
Het Orate Fratres.
De Heer neme dit offer aan uit
uwe handen, tot verheffing, eer
en verheerlijking van zijnen heili-
gen naam, tot zaligheid onzer ziel
en onzes ligchaams, en tot vermeer-
dering, troost en vrede vaii zijne
heilige Kerk. Amen.
De Secreta of stille Gebeden.
O.mij n God! ik zal nu gaan tot de ge-
dachtenis van het bitter lijden uws
eenigen Zoons, die, na alle schande
der wereld, pijn des ligchaams,
zieledroefheid en den dood onder-
gaan te hebben, zich zelven aanlJ,
-ocr page 55-
DE H. MIS.                  49
ohemelscheVader,heeftopgeofferd
voor mijne verlossing en die derge-
heele wereld; verleen mij, dezelve
zoo dankbaar en met ootmoedige
aandaclit te overdenken, dat ik
mij geheel aan Hem, en door
Hem aan U, hemelsche Vader,
altijd mag opofferen, en wees ons
barmhartig:door denzelfden Jesus
Christus, onzen Heer, uwen Zoon,
die met U leeft en heerscht, in de
eenheid des heiligen Geestes, in
alle eeuwen der eeuwen. Amen.
De Prefatie of voorzang.
De Heer zij met u, en met uwen
geest. Verhef de harten omhoog:
wij hebben ze bij den Heer. Laat
ons den Heer, onzen God, dank-
zeggen : dit is waardig en regt.
In waarheid, het is waardig en
regt, billijk en zalig, dat wij U al-
tijd en overal dankzeggen, heilige
Heer, almogende Vader, eeuwige
4
-ocr page 56-
50             GEBEDEN ONDER
God; want door de geheimen van
het Woord, dat het vleesch heeft
aangenomen, is een nieuw licht
van uwe klaarheid aan de oogen
van ons verstand verschenen, opdat
wij, als wij God zienlijk aanschou-
wen, daardoor opgetogen worden
tot de liefde der onzienlijke din-
gen. Daarom zingen wij, met de
engelen en aartsengel en, met de
troonen en heerlijkheden, en met
het geheele leger der hemelsche
heerkrachteu, eenen lofzang tot
verheerlijking, zeggende zonder
ophouden : Heilig, heilig, heilig,
is de Heer, God der heerkrachten;
hemel en aarde zijn vol van uwe
heerlijkheid! Maak ons zalig in den
hoogen; gezegend is hij, die komt
in den naam des Heeren ; maak
ons zalig in den hoogen.
Onder den Canon.
Met deze lof- en dankzegging,
-ocr page 57-
DE H. MIS.                 51
zoo bid ik U, allergenadigste Heer
en Vader, door Jesus Christus,
uwen eenigen Zoon, met een oot-
moedig gebed enkinderlijke liefde;
dat het U believe voor aangenaam
te ontvangen en met uwenkrachti-
gen en heiligmakenden zegen te
zegenen, deze uwe gaven en on-
bevlekte offerande van brood en
wijn, welke wij aan U opofferen
voor uwe heilige katholijke Kerk,
die (lij zult believen in vrede te
stellen en in eenheid te bewaren ,
degeheele wereld door: met uwen
dienaar, onzen geestelijken Vader,
den Paus van Rome, en al de ge-
loovigen die in het katholijk ge-
loot\'en in de voortplanting* van het-
zelve U dienen. Amen.
Onder de Elevatie of Opheffing.
Wees gegroet, zaligheid der we-
reld, Woord des Vaders, H. Hostie,
waaracht ig 1 evend vleesch, geheele
-ocr page 58-
52             GEBEDEN ONDEK
Godheid, waarachtig mensch! Ik
aanbid U, J esus Christus, en loof U;
want Gij hebt, voor ons stervende,
de wereld verlost. Ziedaar, hemel-
sehe Vader, uwen Zoon Jesus, die
ik U door de handen van dezen pries-
ter nu opoffer voor de zaligheid van
allemenschen, eu bijzonder tot eene
volkomene zuivering van al mijne
misdaden, tot voldoening voor al
mijne zonden, tot herstel van al
mijne gebreken, tot verbetering
van mijn zondig leven, tot opregte
dankzegging voor alle weldaden
mij ooit bewezen, toteene zalige
vernieuwing van uwen geest in
mijn hart, en tot verzekering voor
mijne ziel van een zalig einde. Am.
Na de Elevatie of Opheffing.
O Jesus, o mijn Zaligmaker! ik
bid U, om uwe doornagelde handen
en voeten, hangende aan het kruis,
wees mij, arme zondaar, genadig. Ik
-ocr page 59-
DE H. MIS.                 53
bid U, heilige lidmaten van Jesus,
neem ons In uwe handen van ge-
nade, en draag ons op aan uwen
Vader. O Vader! wees mij, bid ik
U, om uwen Zoon, dien Gij als mid-
delaar gesteld hebt tusschen U en
ons, wees mij om zijnentwil gena-
dig. O mijn Al en eeuwig Goed!
ontferm U onzer, nu en als wij
zullen sterven. Amen.
Het bloed onzes Heeren Jesus
Christus beware onze ziel en lig-
chaam ten eeuwigen leven. Amen.
O allerminzaamste Jesus! door de
menigvuldige en overvloedige uit-
storting van uw dierbaar bloed, en
door den oiiwaardeerbaren prijs
van deze verzoenende offerande, wil
mij van alle eigenliefde enkwadege»
negenheden zuiveren, en al mijne
geestelijkekrankhedengenezen.en
mij in opregte liefde met U zoo ver-
eenigen, dat ik nu niet meer, maar
Gij in mij moogt leven. Amen.
-ocr page 60-
54             GEBEDEN ONDEE
Gebed.
O zachtmoedigste liefhebber mij-
ner ziel, Jesus Christus! ik bid U,
door uw bitter lijden en sterven,
vergeefmygenatilglykal mynezon-
den; maak mij vast in het geloof,
sterk in de hoop, vurig in de liefde,
geduldig in het lijden; U altijd lo-
vende en gedurig dienende. Geef,
bid ik U, den levenden genade, den
geloovigen zielen verlossing, uwer
heilige Kerk eeudragt en vrede, en
ons het eeuwige leven. Amen.
Memento of Gedachtenis der
geloovige Zielen.
God, heilige Vader, wiens barm-
hartigheid groot en altijddurend is;
wil toch al uwe dienaars en diena-
ressengedachtigzijn,diechristelijk
en met het teeken des geloofs uit
deze wereld gescheiden zijn, bijzon-
der onze voorouders, mijn vader
-ocr page 61-
DE H. MIS.                 55
en mijne moeder, vrienden en wei-
doeners, en al degenen waarvoor
ik gehouden ben te bidden. (Noem
degene, waarvoor gij wilt bidden.)
Wil deze, o Heer, en alle geloo-
vige zielen, in Christus rustende,
goedertierenlijk de genade verlee-
nen die zij van U verlangen, en
na de vergiffenis harer zonden, laat
hen leiden ter plaatse waar noch
pijn, noch droefheid, noch zuchten
meer zijn; waar wij uwe heilige
Drievuldigheid met alle uitverko-
renen mogen zien, van eeuwigheid
tot eeuwigheid. Amen.
Wees ook gedachtig, allergoeder-
tierenste God, in deze allerheiligste
offerande, de zielen van mijnen va-
der en mijne moeder, van mijne
broeders en zusters, van al mijne
vrienden en weldoeners, en ook
van die mij iets kwaad gedaan heb-
ben : wees ook hen gedachtig, o
mijn Heer en God, die om mij-
-ocr page 62-
56            GEBEDEN ONDER
nentwille in pijn zijn, en alle afge-
storvene geloovigen; verleen hen
door deze verzoenende offerande,
dat zij van alle pijnen mogen ver-
lost worden, en de plaats des zali-
gen vredes in de eeuwige heer lij k-
heid met uwe Heiligen mogen
genieten. Amen.
O almagtige Vader! in de een-
heid van den heiligen Geest zij U
gegeven alle eer en heerlijkheid, in
alle eeuwen der eeuwen. Amen.
Het Gebed des Heeren of het
Pater Noster,
Door heilzame bevelen aange-
moedigd en door goddelijke voor-
schriften onderwezen, durven wij
vrijmoedig zeggen: Ónze Vader,
die in de hemelen zijt! Geheiligd
zij uw naam; ons toekome uw rijk.
Uw wil geschiede op de aarde als
in den hemel. Geef ons heden ons
dagelijksch brood. Vergeef ons
-ocr page 63-
DE H. MIS.                  57
onze schulden, gelijk wij vergeven
onzen schuldenaren. En leid ons
niet in bekoring; maar verlos ons
van den kwade. Amen.
GEBED.
Wij bidden U, Heer, verlos ons
van alle kwaad, dat verleden,
tegenwoordig, en nog aanstaande
is , en verleen ons, door het voor-
bidden van de allerzaligste Maagd
en Moeder Gods Maria, met de hei-
lige Apostelen Petrus en Paulus ,
Andreas en alle Heiligen, genadig
vrede in onze dagen, en dat wij,
geholpen door de kracht van uwe
barmhartigheid, ten allen tijde
vrij blijven van alle zonden en ge-
rust van al Ie kwellingen en ver war-
ring: door denzelfden Jesus Chris-
tus onzen Heer, uwen Zoon, die met
U leeft en heerscht, in de eenheid
des heiligen Geestes, in alle eeuwen
der eeuwen. Amen.
-ocr page 64-
58           gebeden onder
De vrede des Ileeren zij met
u. eii met uwen geest. Amen.
Het Affnus Dei.
Lam Gods, dat de zonden derwe-
reld wegneemt, ontferm U onzer.
Lam Gods, datde zonden der we-
reld wegneemt, ontferm U onzer.
Lam Gods, dat de zonden der
wereld wegneemt, geef ons vrede.
öHeer Jesus Christus, die tot uwe
Apostelengezegd hebt: iklaatu den
vrede, ik geef u den vrede; zie niet
op mijne zonden, maar op het ge-
loof en de getrouwheid uwer heili-
gekatholijke Kerk, en verwaardig
U haar altijd in vrede te stellen en
in de eenheid te onderhouden : die
met den Vader leeft en heerscht, in
de eenheid van den heiligen Geest,
in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
Gebed.
Ik aanbid U, o mijn God, die on-
der de gedaante van brood schuilt.
-ocr page 65-
DE H. MIS.                   59
Gij zijt Christus, de Zoon van den
levenden God. Ik geloof alles wat
Gij geopenbaard hebt, en zal hetbe-
lijden door zwaard en vlammen en
in den dood. Welaan dan, goeder-
tierenste Jesus! zeg tot mijne ziel:
ik ben uwe zaligheid; zeg: ont-
vang den heiligen Geest; zeg: dat
u geschiede naar uwen wil; zeg:
ga in vrede; en ik zal U loven,
van nu af tot in de eeuwigheid. Am.
Domine, non sum dic/nus:
Heer! ik ben niet waardig dat
Gij onder mijn dak komt; maar
spreek slechts één woord, en mijne
ziel zal gezond worden. Driemaal.
DE NUTTIGING.
ö Mijn Heer en mijn God! geef
mij te eten van het levende brood,
waarnaar mijne ziel begeerig is,
opdat ik blijve in U, en Gij in mij.
Ach! dat ik U honderd, ja duizend»
-ocr page 66-
60             GEBEDEN ONDER
maal op eenen dag:, ook waar-
diglijk mogte ontvangen! O mijn
Jesus! sta mij bij door uw bitter
lijden, nu en in het uur van mijn
sterven. Amen.
Na de Nuttiging.
Zoo dikwijls gij van dit brood
zult eten en uit dezen kelk drin-
ken, zult gij den dood des Iieeren
verkondigen, tot dat h ij komt. üaar-
om, die dit brood onwaardig eet,
en den kelk des Heeren onwaardig
drinkt, die zal schuldig zijn aan
het Ligchaamen Bloed des Heeren.
De Heer zij met U en met
uwen geest.
Gebed.
Verleen ons, Heer, dat wij ver-
vuld worden van de eeuwige genie-
ting uwer Godheid, welke door
het tijdelijk nuttigen van uw dier-
baar Ligchaam en Bloed geheiligd
wordt: die leeft met God den Vader,
-ocr page 67-
DE H. MIS.                  61
in de eenheid des heiligen Geestes,
God in alle eeuwen der eeuwen.
Amen.
De Heer zij met u, en met
uwen g-eest,
Ga, de dienst is geëindigd.
God zij gedankt.
Laat, o H. Drievuldigheid, het
werk mijner dienstbaarheid U aau-
genaam zijn, en verleen mij, dat
(ieze offerande, die ik voor de oogen
van uwe Majesteit onwaardig opge-
ufferd heb, door uwe genade, mij
moge strekken tot eeue verzoening:
door Jesus Christus onzen Heer,
die met U leeft en heerscht, in de
eenheid van den H. Geest. Amen.
Dat ons zegenede almagtige, en
barmhartige Heer: de Vader, de
Zoon, en de heilige Geest. Amen.
Het Evangelie van Joann, kap. I.
U zij glorie, Heer.
In het begin was het Woord, en
-ocr page 68-
62                MISGEBEDEN.
het Woord was bij God, en God was
het Woord. Dit was in het begin bij
God. Alle dingen zijn daardoor ge-
maakt, en zonder dat is er niets
gemaakt,vanhetgeenergemaaktis.
In hetzelve was liet leven, en het
leven was het licht der menschen;
en het licht scheen in de dui-
sternis, en de duisternis heeft
het niet begrepen. Kr werd een
mensch gezonden van God, wiens
naam was Joannes: deze is geko-
men tot getuigenis, opdat hij getui-
genis zoude geven van het licht,
opdat zij allen door hem gelooven
zouden; hij was het licht niet, maar
omdat hij getuigenis zoude geven
van het licht; het was een waar
licht, hetwelk verlicht alle men-
schen, komende in deze wereld.
Het was in de wereld, en de wereld
is daardoor gemaakt, en de wereld
heeft hem niet gekend. Hij kwam
in zijn eigen, en de zijnen hebben
-ocr page 69-
DE ZEVEN BOET-PSALMEN. 63
hem niet ontvangen: maar allen
die hem ontvangen hebben, heeft
hij magt gegeven kinderen Gods
te worden; degenen, die in zijnen
naam gelooven, welke niet nit den
bloede, noch uit den wille des
vleesches, noch uit den wille des
mans. maar uit God geboren zijn.
En liet Woord is vleesch geworden eil
heeft onder ons gewoond, en wij
hebben zijne heerlijkheid gezien,
eeneheerlijkheid als vanden eenig»
geboren Zoon des Vaders, vol van
genade en waarheid. God zij dank.
DE ZEVEN BOETPSALMEN.
Psalm 6. Domme, ne in furore, etc.
Heer! straf mij niet in uwe ver-
bolgenheid, en kastijd mij niet in
uwe gramschap.
Ontferm U mijner, Heer, want
ik ben zwak: genees mij, Heer, want
mijne beenderen zijn ontsteld.
-ocr page 70-
64                 DE ZEVEN
En mijne ziel is zeer ontroerd:
maar Gij, Heer, hoelang?
Keer U tot mij, Heer, en ver-
los mijne ziel: behoud mij om
uwe barmhartigheid.
Want er is niemand die in den
dood uwer gedachtig is; en wie zal
u in de helle loven?
Ik ben vermoeid van zuchten;
ik zal alle nachten mijn bed was-
schen; met mijne tranen zal ik
mijne rustplaats begieten.
Mijn oog is van de verbolgen-
heid ontroerd: ik ben verouderd
onder al mijne vijanden.
Gaat weg van mij, allen die on-
geregtigheid bedrijft; want de
Heer heeft de stem mijns weenens
verhoord.
De Heer heeft mijn smeeken
gehoord: de Heer heeft mijn ge-
bed aangenomen.
Laatal mijne vijanden beschaamd
en geheel ontsteld worden: dat zij
-ocr page 71-
BOET-PSALMEN.               65
zich haastiglijk omkeeren eii zich
schamen.
Eere zij den Vader, enz.
Psalm 81. Beati quorum, etc.
Zalig\' zijn zij, wier ongeregtig-
heden vergeven, en wier zouden
bedekt zijn.
Zalig is de man, wien de Heer
de zonde niet toegerekend heeft,
en in wiens geest geen bedrog is.
Omdat ik zweeg, zijn mijne
beenderen verouderd , terwijl ik
den geheelen dag riep.
Want dag en nacht is uwe hand
op mij verzwaard: in mijne ellende
heb ik mij tot U gekeerd, terwijl
ik met doornen gestoken werd.
Ik heb mijne misdaad aan U be-
kend gemaakt; en mijne ongereg-
tigheid heb ik U niet verborgen.
Ik zeide : ik zal tegen mij mijne
ongeregtigheid den Heer belijden ;
en Gij hebt de boosheid mijner
zonden vergeven.
5
-ocr page 72-
66                DE ZEVEN
Hierom zal een ieder heilige tot
U bidden ten bekwamen tijde.
Ja, als er groote watervloeden
komen, zullen zij hem niet naderen.
Gij zijt mijne toevlugt tegen de
verdrukking, die mij omvangen
heeft, mijne verheuging; verlos
mij van hetgene mij omringt.
Ik zal u verstand geven en u
onderwijzen in den weg, waardoor
gij gaan zult: ik zal mijne oogen
op u vestigen.
Wil niet worden gelijk een paard
of muilezel, die geen verstand
hebben.
Bedwing niet gebit en toom de
kinnebakken dergenen, die niet
tot U komen.
De geesels des zondaars zijn veel-
voudig: maar diegene die op den
Heer hoopt, zal de barmhartig-
heid omringen.
Verblijdt u in den Heer en ver-
heugt u, gij regtvaardigen,enroemt
-ocr page 73-
BOET-PSALMEN.               67
in hem, allen die opregt van harte
zijt. Eere zij den Vader, enz.
Psalm 37. Domine, ne in furore, etc.
Heer! straf mij niet in uwe ver-
bol genheid , en kastijd mij niet in
uwe gramschap.
Want uwe schichten steken in
mij; en Gij hebt uwe straffende
hand op mij verzwaard.
Er is geene gezondheid in mijn
vleesch, ter oorzake uwer gram-
schap : er is geen vrede in mijn ge-
beente, om mijner zonden wille.
Want m ij ne o ngeregtigh eden z ij n
boven mijn hoofd gestegen; en ge-
lijk een zware last drukken zij mij.
Mijne wonden zijn stinkende en
vervuild geworden, ter oorzake
mijner dwaasheid.
Ik ben ellendig geworden en
ten uiterste nedergebogen : ik ga
den geheelen dag bedroefd.
Want mijne lendenen zijn vol
-ocr page 74-
68                  DE ZEVEN
van bedriegelijkheden; en er is
geene gezondheid in mijn vleesch.
Ik ben verdrukt en ten uiterste
vernederd; ik brieschte van het
gezucht mijns harten.
Heer! al mijne begeerte is voor
U niet verborgen.
Mijnhartis ontroerd, mijnekracht
heeft mij verlaten; ja zelfs het licht
mijner oogen is bij mij niet.
Mijne vrienden en mijne naasten
zijn tegen mij aangekomen en op-
gestaan; en mijne naastbestaanden
bleven van verre.
iïn die naar mijnleven stonden, de-
den geweld; en die kwaad tegen mij
zochten, spraken ij delheden en ver-
zonnen den geheelen dag bedrog.
Doch ik, als een doove, hoorde
niet, en als een stomme, deed ik
mijnen mond niet open.
En ik was als een mensch die
niet hoort, en die geene weder-
spraak in zijnen mond heeft.
-ocr page 75-
BOET-PSALMEN.              69
Want op U, Heer, heb ik ge-
hoopt: Gij. Heer mijn God. zult
mij verhooren.
Dewijl ik gezegd heb, dat toch
mijne vijanden zich nimmer over
mij verblijden : want als mijne
voeten wankelen, spreken zij
trotschelijk tegen mij.
Want ik beu tot de geesels be-
reid, en mijne smart is altoos voor
mijne oogeu.
Want ik zal mijne misdaad open-
lijk belijden en tienken aan mijne
zonden.
Doch mij ue vij anden leven, en zij n
magtiger dan ik; en die mij ten ou-
regtehaten, zijnvermenigvuldigd.
Die goed met kwaad vergelden,
lasterden mij, omdat ik het goede
volgde.
Verlaat mij niet, Heer, mijn God!
wijk toch van mij niet af.
Denk op mijne hulp, Heer, God
mijner zaligheid.
-ocr page 76-
70                   DE ZEVEN
Eere zij den Vader, enz.
Psalm 50. Miserere mei, etc.
Ontferm U mijner, o God, vol-
gens uwe groote barmhartigheid.
En naar de menigte uwer erbar-
mingen, wisch mijne boosheid uit.
Wasch mij meer en meer van
mijne ongeregtigheid, en reinig
mij van mijne zonden.
Want ik beken mijne boosheid,
eu mijne zonde is altoos voor mijne
oogen.
Tegen U alleen heb ik gezondigd
en kwaad voor uw aanschijn ge-
daan : opdat Gij geregtvaardigd
wordt in uwe woorden, en o ver-
wint als Gij geoordeeld wordt.
Want zie, Gij hebt de waarheid
lief; de onbekende en verborgene
geheimen uwer wijsheid hebt Gij
mij geopdebaard.
Besproei mij met hysop, en ik zal
-ocr page 77-
BOET-PSALMEN.             71
gezuiverd worden ; wasch mij, en
ik zal witter worden dan sneeuw.
Geef vreugde en blijdschap aan
mijn gehoor, en dat mijne verne-
derde beenderen door verheuging
opspringen.
Keer uw aangezigt af van mijne
zouden, en wisch al mijne onge-
regtigheid uit.
Schep in mij, o God, een zuiver
hart, en vernieuw denregten geest
in mijn binnenste.
Verwerp mij niet van uw aan-
schijn, en neem uwen heiligen
geest van mij niet af.
Geef mij de blijdschap uws heils
weder, en versterk mij met eenen
geest die mij bestuurt.
Ik zal den boozen uwe wegen
leeren, en de goddeloozen zullen
zich tot U bekeeren.
Verlos mij van de bloedschul-
den, o God, God mijns heils;
en mijne tong zal met blijdschap
-ocr page 78-
72                   DE ZEVEN
uwe regtvaardigheid verheffen.
Heer! doe mijne lippen open, en
mijn mond zal uwen lof verkon-
digen.
Want hadt Gij eene offerande
begeerd, ik zou die voorzeker op-
gedragen hebben: de brandoffers
zullen U niet aangenaam zijn.
Een bedrukte geest is Gode een
offer: een vermorzeld eii veroot-
moedigd hart, zult Gij, o God, niet
versmaden.
Heer! doe volgens uwe goed-
gunstigheid aan Sion wel; opdat
de muren van Jerusalem opge-
bouwd worden.
Dan zult Gij de offeranden van
regtvaardigheid, de opdragten en
brandoffers aannemen: dan zal men
kalveren op uw altaar leggen.
Eere zij den Vader, enz.
Psalm 101. Dnmink kxaudi, etc.
Heer! verhoor mijn gebed, en
mijn geroep kome tot U.
-ocr page 79-
BOET-PSALMEN.              73
Keer uw aangezigt van mij niet
af; op wat dag* ik verdrukt worde,
neig* uwe ooren tot mij.
Op wat dag ik U aanroepe. ver-
hour mij haastiglijk.
Want mijne dagen zijn vergaan
als rook, en mijne beenderen zijn
dor geworden als een verdroogd
hout.
Ik ben verslagen als hooi, en mijn
hart is uitgedroogd: omdat ik ver-
geten heb mijn brood te eten.
Door het geluid mijns zuchtens
kleeft mijn gebeente aan mijn
vleesch.
Ik ben den pelikaan der wildernis
gelijk geworden : ik ben geworden
gelijk de nachtraaf in een huis.
Ik ben zonder slapen geweest,
en geworden als een eenzame
museh op het dak.
Mijne vijanden beschimpten mij
den geheelen dag; en die mij pre-
zen, zwoeren tegen mij.
-ocr page 80-
74                 DE ZEVEN
Omdat ik asch als brood at, en
mijnen drank met tranen mengde.
Ter oorzake uwer gramschap en
verbolgenheid; omdat Gij mij op-
geheven en nedergestooten hebt.
Mijne dagen zijn als eene scha-
duw verdwenen, en ik ben als
hooi verdord.
Maar Gij, Heer, blijft in eeuwig-
heid, en uwe gedachtenis van ge-
slachte tot geslachte.
Gij zult opstaan en U over Sion
ontfermen; want het is tijd harer te
ontfermen, de tijd is gekomen.
Want hare steenen behagen
uwen dienaren; en zij zullen me-
delijdeii hebben met haar stof.
En de volken zullen uwen naam
vreezen, Heer : en al de koningen
der aarde uwe heerlijkheid.
Omdat de Heer Sion heeft opge-
bouwd, en zich in zijnen luister
vertoonen zal.
Omdat hij op het gebed der
-ocr page 81-
BOET-PSALMEN.               75
nederigen heeft gezien, en hun
verzoek niet versmaad heeft.
Men schrijve deze dingen voor
de navolgende geslachten : en het
volk dat geschapen zal worden,
zal den Heer loven.
Want hij heeft van boven uit
zijne heilige plaats nedergezien :
de Heer heeft van den hemel
nedergezien op de aarde. •
Om het zuchten der gevangenen
te hooren : om de kinderen der
gedooden te ontbinden.
Opdat zij in Sim den naam des
Heeren verkondigen, en zijnen lof
in Jerusalem.
Als de volken zullen te zamen
komen, en de koningen, om den
Heer te dienen.
Doch hij heeft mijne kracht ver-
nederd op den weg : mijne dagen
heeft hij verkort.
Ik zeg : mijn God! neem mij niet
weg.
-ocr page 82-
76                   DE ZEVEN
Neem mij toch niet weg in het
midden mijner dagen : uwe jaren
duren van geslachte tot geslachte.
Gij, Heer, hebt in den beginne
het aardrijk gegrondvest: en de he-
melenzijn de werken uwer handen.
Die zullen vergaan, maar Gij
blijft altoos; zij zullen allen als
een kleed verouderen.
Eu gelijk een gewaad zult Gij
ze veranderen; en zij zullen ver-
anderd worden.
Maar Gij zijt altijd dezelfde, en
uwe jareu zullen niet eindigen.
De kindereu uwer dienaren zul-
len woningen hebben; en hun
zaad zal in eeuwigheid bestaan.
Eere zij den Vader, enz.
Psalm 129. De profundis, etc.
Uit de diepten heb ik tot U ge-
roepen : Heer, Heer! verhoor
mijne stem.
-ocr page 83-
BOET-PSALMEN.             77
Laat toch uwe ooren luisteren
naar de stem mijner smeeking.
Indien Gij, Heer, de ongereg-
tigheden gadeslaat: Heer, wie zal
bestaan V
Omdat er bij U genade is, en
om uwe wet, o Heer, heb ik U
verbeid.
Mijne ziel heeft op zijn woord
verbeid : mijne ziel heeft op den
Heer gehoopt.
Dat Israël op den Heer hope,
van den morgenstond af, tot den
nacht toe.
Want bij den Heer is barmhar-
tigheid. en bij hem is overvloedige
verlossing.
Eu hij zal Israël verlossen uit
al zijne ongeregtigheden.
Eere zij den Vader, enz.
Psalm 142. Domine exaudi, etc.
Heer! verhoor mijn gebed : luis-
ter naar mijn smeeken, volgens
-ocr page 84-
78                 DE ZEVEN
uwe waarheid : verhoor mij, vol-
gens uwe regtvaardigheid.
En treed uiet in het geregt met
uwen dienaar : want geen levend
mensch zal voor uw aanschijn regt-
vaardig zijn.
Want de vijand heeft mijne ziel
vervolgd : hij heeft mijn leven ter
aarde toe vernederd. Hij heeft mij
in het duister gesteld, gelijk dege-
nen die over lang dood zijn.
En mijn geest is in mij beangst:
mijn hart is in mij ontsteld gewor-
den.
Ik ben de oude tijden indachtig
geweest: ik overwoog al uwe da-
den, de werken uwer handen o ver-
dacht ik.
Ik heb mijne handen totüuitge-
strekt : mijne ziel is voor U als
aarde zonder water.
Heer! verhoor mij haastiglijk:
mijn geest is bezweken. Keer toch
uw aanschijn van mij niet af, of ik
-ocr page 85-
BOET-PSALMEN.               79
zal worden gelijk degenen die ten
grave dalen.
Doe mij vroeg\' uwe barmhar-
tigheid hooren: want ik heb op
U gehoopt.
Maak mij den weg bekend, dien
ik moet bewandelen: want tot U
heb ik mijne ziel opgeheven.
Heer! verlos mij van mijne vijan-
den : tot U heb ik mijne toevlugt
genomen.
Leer mij uwen wil doen; want
Gij zijtmijn God: uw goede geest
zal mij geleiden op den regten weg.
Om uwen naam, Heer, zult Gij
mij doen leven: door uwe. gereg-
tigheid zult Gij mijne ziel uit de
verdrukking trekken.
En door uwe barmhartigheid
zult Gij mijne vijanden verdelgen.
Kn Gij zult ze allen vernielen,
die mijne ziel verdrukken; want
ik ben uw dienaar.
Eere zij den Vader, enz.
-ocr page 86-
LITANIE VAN ALLE HEILIGEN.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontferm U
onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
God, heilige Geest, ontf. U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Maria, bid voor ons.
Moeder Gods,
g) Maagd der maagden,
            g
5 Michaël,                              ^
3 Gabriël,                              £
Raphaël,                             %
Alle heilige engelen en aarts- g
engelen,                               
Me heilige kooren der zalige
beesten,
-ocr page 87-
LITANIE VAN ALLE HEILIGEN. 81
H. Joannes, de dooper, bid voor ons.
H. Josef.
Alle heilige Aartsvaders en
Profeten,
H. Petrus,
Paiilus,
Andreas,
Jacobus,
Joannes,
Thomas,                           W
p->
gj Jacobus,
Phillippus,                        g
Bartholomeus,                   ®
Mattheus,                         o
Simon,                             
Th a deus,
Matthias,
Baniabas,
Lucas,
Marciis,
Alle H. Apostelen en Evangelisten,
Alle heilige Leerlingen des Heeren,
Alle heilige onnoozele Kinderen,
H. Stephanus,
-ocr page 88-
82               LITANIE VAN
H. Clemens, bid voor ons.
Cornelius,
Cyprianus,
Laurentius,
Vinceiitius,
Dominicus met uwe mede-
© gezellen,
JJ Mauritius met uwe mede-
3 gezellen,
                       w
m Januarius met uwe mede- g£
gezellen,
                        ^
Fabianus en Sebastianus, o
Cosmas en Damianus,
Thomas,                           g
Petrus van Milaan,
Alle heilige Martelaren,
H. Silvester,
Gregorius,
Ambrosius,
go Augustinus,
gj Hieronimus,
j§ Hilarius,
Martinus,
Nicolaus,
-ocr page 89-
ALLE HEILIGEN.\'
H. Antonius, bid voor ons.
Dominicus,
Thomas van Aqninen,
Vincentius,
Hyacinthns,
P Raymundus,
j£ Ludovicus,
2 Albertus,
* Jacobus,
Antonius,
Benedictus,
Bernardus,
Franciscus,
Alle heilige Bisschoppen
Belijders,
Alle heilige Leeraars,
II. Anna,
Maria Magdalena,
Martha,
S, Felicitas,
13 Perpetua,
£ Agatha,
Lucia,
Agnes,
-ocr page 90-
84                 LITANIE VAX
H. Cecilia, bid voor ons.
Catharina,                          —
Margaretha,                       =;
§r Ci\'sula niet uwe medegezel" <
r= linnen.                            §
£ Auastasia.
Catharina van Siena,          =
Agnes.
AlleheiligeMaagden en Weduwen,
Alle Heiligen Gods,
Wees genadig, spaar ons, Heer.
Wees genadig, verhoor ons. Heer.
Van de eeuwige verdoemenis, ver-
los ons. Heer.
Van eenen haastigen en onvoor-
zienen dood.
                         <
Van de aanstaande gevaren %
onzer zonden,
                       i
Van alle kwelling des duivels, ©
Van alle onzuiverheid des gees- w
tes en des ligehaams,
          ^
Van gramschap, haat, en kAva- o1
den wil,
                               r*
Van onzuivere gedachten,
-ocr page 91-
Van verblindheid des harten,
Van bliksem en onweder.
Van pest. honger en oorlog\'.    J
Van alle kwaad.                     §-
Door de verborgenheid uwer   *
heilige menschwording,        §
Door nw kruis en lijden,        -x
Door uwe heerlijke verrijzenis,   =
Door uwe wonderlijke hemel-   %
vaart,
Door de toekomst van den Ver-
trooster, den heiligen Geest.
Wij zondaren, wij bidden U, ver-
hoor ons, Heer.
Dat Gij ons vrede geeft,         ^
Dat uwe barmhartigheid en ge-  ~
nade ons beware.                 gj
Dat Gij uwe heilige Kerk rege-   F-
ren en beschermen wilt,      f^
Dat Gij den Paus, en allen die   <
in den geestelijken staat zijn,   %
in den heiligen godsdienst   i
wilt bewaren,                       §
Dat Gij de Bisschoppen met al
-ocr page 92-
86               LITANIE VAN
de vergaderingen hun bevolen,
in uwen heiligen dienst behouden
wilt, wij bidden U, verhoor ons.
Dat Gij den koningen en vorsten
vrede en waarachtige een-
dragt verleenen wilt,
Dat Gij al het christen volk, ^
door uw dierbaar bloed ver- ^
lost, behouden wilt,
            ^Z
Dat Gij de vijanden der heilige s.\'
Kerk wilt vernederen,
          §*
Dat Gij al onze weldoeners met
de eeuwige goederen wilt p
vergelden,
                            <
Dat Gij onze ziel, en de zielen ^
onzer ouders, vrienden en £f
weldoeners, van de eeuwige *
verdoemenis wilt behoeden, £
Dat Gij de vruchten der aarde S°
wilt geven en bewaren,
Dat Gij de oogen uwer barmhar-
tigheid op ons wilt slaan,
Dat Gij ons in uwen heiligen
dienst wilt versterken,
-ocr page 93-
ALLE HEILIGEN.              87
Dat Gij onze harten tot hemelsche
begeerten wilt opwekken, wij
bidden U, verhoor ons.
Dat Gij U verwaardigt de ellen-
den der armen en gevangenen
aan te zien en te verligten,
DatGijUverwaardigtalleplaat- ^
sen, welke wij bewonen, te s=:
bezoeken en te vertroosten, g
Dat Gij U verwaardigt deze S
plaats met hare inwoners te p
bewaren en te beschermen, ^
Dat Gij alle geloovige men- -
schen, reizende ter zee of te j
land, in de haven der zalig» &
heid wilt brengen,
               o
Dat Gij ons in alle geestelijke 0
leeringen wilt onderwijzen, g
Dat Gij aan alle geloovigezielen
der overledenen de eeuwige
rust verleenen wilt,
Dat Gij U verwaardigt ons te
verhooren,
Zoon Gods,
-ocr page 94-
88               LITANIE VAN
Lam Gods. dat wegneemt de zoiideii
der wereld, spaar ons. lieer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Onze Vader, enz.
v. En leid ons niet in bekoring.
e. Maar verlos ons van den kwade.
PSALM 69. Deus in adjutorimn, etc.
God! neem acht op mijne hulp :
Heer! haast U om mij te helpen.
Laat ze beschaamd en bevreesd
worden, die mijne ziel zoeken.
Laat ze haastig te mg keeren met
schaamte, die mij kwaad willen.
Laat ze terstond met schaamte
terug wijken, die met mij den
spot drijven.
Laat ze verheugd wordenen blij de
zijn,allendieUzoeken,enlaatzeal-
-ocr page 95-
ALLE HEILIGEN.              89
tijd zeggen: groot geacht zij de
Heer, die uwe zaligheid bemint.
Maar ik ben behoeftig en arm :
o God, help mij!
Mijn helper en mijn verlosser
zijl Gij, Heer! verloot niet.
Eere zij den Vader. enz.
v. Na het baren zijt gij eeue oiibe-
vlekte Maagd gebleven.
r. Moeder Gods. bid voor ons.
v. Bid voor ons. heilige vader
Dominions.
r. Opdat wij waardig worden der
beloften van Christus.
v. Dat het volk verkondige de wijs-
heid der Heiligen.
r. En dat hen lof geve de verga-
dering der geloovigen.
v. Wees gedachtig uwer vergade-
ring.
R. Die gij van het begin bezeten
hebt.
v. Maak uwe dienaars en diena-
ressen zalig.
-ocr page 96-
90                LITANIE VAN
r. Mijn God, die in U hopen,
v. Wees oiis een sterke toren.
r. Voor des vijands tegenwoordig-
heicl.
v. Heer! verhoor mijn gebed.
e. En laatmijngeroeptotUkomen.
G E 3 E D E N.
O God, wien het alleen eigen is
genadig te zijn en te sparen: ont-
vang ons gebed, opdat uwe goe-
dertierene barmhartigheid ons, en
al uwe dienaren, die door de ke-
tenen der zonde gebonden zijn,
genad igi ij k oiitbinde.
Wij bidden U, Heer, verhoor
onze ootmoedige gebeden, en spaar
degenen die hunne zonden belij-
den; opdat wij te zamen vergif-
fenis en vrede van U verwerven.
Toon ons genadiglijk, o Heer,
uwe onuitsprekelijke barmhartig-
heid, en verlos ons te zamen van
alle zonden, en van de straffen die
wij door dezelve verdiend hebben.
-ocr page 97-
ALLE HEILIGEN.              91
öGod, die door de zonden ver-
gramd en door de boetvaardigheid
wederom verzoend wordt: ontvang
genadighjk de gebeden uws volks,
hetwelk zich nederwerpt voor uwe
grootheid, en neem weg de geesels
uwer verbolgenheid, die wij door
onze misdaden verdiend hebben.
Almagtige, eeuwige God! ontferm
U over uwen dienaar onzen Paus N.,
en bestier hein door uwe goedertie-
renheid in den weg des eeuwigen
levens; opdat hij door uwe gunst
begeere hetgene U behaagt, en
het niet alle kracht volbrenge.
ö God, van wieu de heilige be-
geerten, de goede voornemens, en
de regtvaardige werken voortko»
men : geef uwen dienaren dien
vrede, die de wereld niet geven
kan; opdat onze harten, genegen
tot het volbrengen uwer geboden,
en wij van de vreeze der vijanden
ontslagen zijnde, door uwe be-
-ocr page 98-
\\>Z                  LITANIE VAN
scherming in rust mogen leven.
Ontvonk, o lieer, onze nieren
en onze harten dooi\' het vuur des
heiligen Geestes; opdat wij U met
een zuiver ligchaam mogen dienen
en met een rein hart behagen.
God, Schepper en Verlosser van
alle geloovigen! geel\'aan uwe die-
naars en dienaressen vergiffenis
van ai hunne zonden: opdat zij
de genadige kwijtschelding, daar
zij altijd naar verlangd hebben,
dooi\' onze ootmoedige gebeden
mogen verkrijgen.
Wij bidden II, o Meer, voorkom
onze werken door den invloed uwer
genade, en voltrek ze door uwe me-
dewerking, opdat al onze gebeden
en werken altijd door U beginnen,
en doorU begonnen zijnde, door U
voleind mogen worden.
Almagti ge, eeuwige God, die h eer-
schappij hebt over levenden en doo-
den, en U ontfermt over allen die
-ocr page 99-
ALLE HEILIGEN.              93
Gij voorziet dut door het geloof en.
«oede werken de uwe zullen wezen:
wij biddenUootmoediglijk, dat de-
»enen voor welke wij onze gebe-
den storten, hetzij dat zij noginhet
leven of nu al overleden zijn, door
de voorspraak van al uwe Heiligen,
en door uwe genade, vergiffenis van
al hunne zonden mogen verkrijgen.
Door Christus onzen lieer. Amen.
v. De almagtigeen barmhartige
Meer verhoore ons. r,. Amen.
v. Dat de geloovige zielen door
Gods barmhartigheid rusten in
vrede. r. Amen.
Korte voorbereiding tot de Biecht.
Behelzende vijf punten.
1.   Bedank God voor zijne weldaden.
2.   Vraag de genade van God den
heiligen Geest.
3.   Onderzoek naarstig mü geweten.
-ocr page 100-
94 KORTE VOORBEREIDING
4. Verwek een berouw over mee
zonden.
O. Neem vastelijk voorn, tebeferen.
1. Dankzegging voor Gods weldaden.
Groote God! ik dank U vooral de
weldaden, die ik geheel mijn leven
van uwe goedertierene barmhartig-
heid ontvangen heb, en in het bij-
zonder, dat Gij mij naar uw beeld
geschapen, door bet dierbaar bloed
vannweneenigenZoonJesosChris-
tus verlost, van de erfzonde door
den heiligen Doop gezuiverd, dooi\'
het waarachtig Geloof verlicht, en
een lidmaat van de heilige Kerk
gemaakt hebt. Ik dank U ander-
maal, dat Gij mij bevrijd hebt van
zoo menigvuldige gevaren naar ziel
enligchaam; dat Gij mij niet zou
vele heilige inspraken begunstigd
en tot dit uur in het leven gehouden
hebt; dat Gij mij zoo dikwijls ge-
spaard en mijne zonden door de
-ocr page 101-
TOT DE BIECHT.            95
Biecht vergeven hebt. Wat zal ik U
voor deze en ontelbare andere wel-
daden, die ik van uwe milde hand
ontvangen heb, wedergeven?
2. Verzoek de genade van den
heiligen Geest.
Kom, heilige Geest! versterk,
bid ik U, de zwakheid van mijn
geheugen, en verlicht de duisternis
van mijn verstand door uwe heilige
genade, opdat ik al mijne zonden
indachtig worde en hare boosheid
kenue. Beweeg ook krachtiglijk
mijnen wil, opdat ik mijne misda-
den beweene en mijn leven betere.
Kom, wasch in mij het onreine af,
besproei wat dor is, en genees
wat gekwetst is.
Bid 1 Onze Vadw, en 1 Wees
geep-oef.
3. Onderzoek uw geweten.
Hoe lang is het geleden, dat ik
-ocr page 102-
96 KORTE VOORBEREIDING
mijne laatste biecht gedaan heb ?
I leb ik mijneboetevolbragtVWelke
zenden heb ik sedert niet woorden,
werken, gedachten en verzuimen
gedaan, als ook tegen de tien gebo-
denGodsende vijf geboden dei\' hei-
lige Kerk V Met wien heb ik ver-
koerd V Hoe heb ik mij gedragen in
huis. inde kerk, op de straat, enz.?
4. Verwek een berouw over uwe
zonden.
Oneindige Majesteit! ik ben van
harte bedroefd, dat ik Udoor mijne
zonden vergramd heb, omdat Gij
de oppei\'ste goedheid zijt.
Herhaal deze korte woorden, alsook
de colqeiide, verscheidene malen met
ceel aandacht.
5. Voornemen om zich te beteren.
Ik verzaak mijne zonden, en
maak een vast voornemen van die
niet meer te doen; de gelegenheden
-ocr page 103-
TOT DE BIECHT.             97
tot dezelve te vlugten, en mij te
beteren. Bijzonderlijk die.....
Geef mij, Heer, eene waarach-
tige droefheid over mijne zonden,
en de geuade om mijne goede voor-
nemens te volbrengen.
Deze vijf punten dienen ook voor het
dagelijksch onderzoek des gewetens.
Keei\' u hierna ootmoedig tot den
Priester, en begin uwe Biecht in dezer
voege :
DE VOORBIECHT.
Ik belijd aan God almagtig, en
aan u Biechtvader, die Gods plaats
hier bekleedt, dat ik heb gezondigd.
Mijne laatste biecht is geweest.....
Zeg hoe lang het geleden is dat gij
gebiecht hebt.
Ik beschuldig mij dat ik heb.....
Zeg uwe zonden, alle doodzonden
met het getal en de omstandigheden,
die de zonden kunnen veranderen of
bezwaren.
T
I
-ocr page 104-
98 KORTE VOORBEREIDING
Inmijnvoorgaandlevenhebik....
In dit geval herhaalt men eenige
zonden uit zijn voorgaand leven.
DE NAB1EOHT.
Eindig uwe biecht In dezer voege :
Deze eu alle andere zonden, die
ik niet indachtig ben, zijn mij van
harte leed, uit liefde tot God. Ik
neem vast voor mij daarvan te
beteren, en bid God om vergïffe-
nis, door het dierbaar bloed van
Jesus Christus. Ik vraag van u,
Eerwaarde, eene zalige penitentie
en absolutie.
Gruwel der doodzonde.
I. Van alle gruwelen, die in de
wereld zijn, of kunnen bedacht
werden, is er geen grooter dan de
doodzonde.
Wat kan er ongeregelder en af-
schuwelijker zijn, dan dat een re-
delijk schepsel, naar Gods beeld
-ocr page 105-
TOT DE BIECHT.             99
geschapen, om een kort genoegen,
om eene kleine tijdelijke winst, om
eene ijdele eer, zich aankant tegen
God, zijnen Schepper, Weldoener,
Vader en Vriend.
Hoe groot en gruwelijk is de zon-
de, die tegen de oneindige schoon-
heid strijdig is! Zoo schoon als God
is, zoo leelijk is de zonde.
II. Een zielloos ligchaam wordt
terstond afzigtelijk, krielt binnen
weinige dagen van wormen, vervult
de lucht met eenen onverdragelij-
ken stank, en wordt zoo leelijk en
vervaarlijk, dat er geheel de wereld
voor schrikt. Maar wat is dit bij de
verandering, die er geschiedde, toen
uwe ziel door de zonde uit de regt-
vaardigheid verviel. Hoe schoon
was uwe ziel, toen zij nog leefde
voor God, toen zij nog een kind van
God, en eene bruid van Jesus Chris-
tus was. Maar hoe leelijk is zij nu,
dewijl zij de kroon van haar hoofd,
-ocr page 106-
100 KORTE VOORBEREIDING
eii haar bruiloftskleed, dat is de
heiligmakende genade, verloren
heeft; nu zij van hare inwendige
schoonheid beroofd en eeiie sla-
vin van den duivel geworden is!
O schrikkelijke verandering*, o
ellendige afval van een kind Gods,
van eene bruid van Christus, eeue
slavin te worden van den duivel!
Van den duivel, zeg ik, die bij dag\'
en nacht nergens anders op uit is,
dan op uw bederf. Hoe is het
mogelijk dat gij nog vrolijk en
tevreden zijt, daar gij u zelven
zoo schandelijk en ellendig ver-
worpen hebt.
111. Doch laat ons dieper indrin-
gen in dezen schrikkelijken af-
grond, en zien hoe groot uwe onbe-
schaamdheid is. Gij weet immers,
dat God overal is; gij weet dat
er voor hem niets verborgen is,
zelfs niet het binnenste en verbor-
genste van uw hart; gij weet dat
-ocr page 107-
TOT DE BIECHT.           101
hij de oneindige Majesteit is. En
evenwel zondigt gij, alsof gij naar
hem geenszins vraagdet. O welke
stoutheid, welke onbeschaamdheid,
welke boosheid is het, dat een aard-
worm, als gij zijt, alzoo durft op-
staan tegen zijnen Schepper, tegen
den almagtigen God, tegen de op-
perste Majesteit!
IV. Maar uwe ondankbaarheid is
niet minder dan uwe onbeschaamd-
heid. Wie is het, dien gij versmaadt?
Is het niet uw allerliefste Vader,
die u voedsel en kleedereu, ja het
leven gegeven heeft, en u voortdu-
rend onderhoudt? Beschouw uw
ligchaam: is ieder lidmaat niet
eene weldaad zijner handen? Hoe
zijt gij dan zoo ondankbaar, dat
gij de gunsten en gaven van dien
zoo goedertieren en liefderijken
God, van wiens alvermogenden
wil gij van oogenblik tot oogenblik
afhangt, durft misbruiken, om
-ocr page 108-
102 KOETE VOORBEREIDING
hem spijt en leed aan te doen.
V. Ik vraag, o zondaar, wie is
het dien gij vertoornt als gij zon-
digt? Is het niet dien God, die zij-
nen eenigen Zoon niet gespaard,
maar hem voor u gegeven heeft,
om zijn dierbaar bloed te storten,
welk bloed gij, toen gij zondigdet,
onder uwe voeten tradt?
Doch, wat zeg ik : gij tradt niet
alleen het bloed en het kruis van
Christus onder uwe voeten, maar gij
rigttet voor hem weder een nieuw
kruis op. Doch geloof mij niet,
maar geloof den heiligen Apostel,
die van u en uws gelijken zegt:
dat zij, voor zoo veel in hen is, den
Zoon Gods weder kruisigen, en open-
lijk tot schande stellen.
De Joden hebben Jesusovergele-
verd om gedood te worden, naar-
dien zij hem niet kenden; maar gij
kruist hem, niettegenstaande gij
gelooft dat hij uw God is.
-ocr page 109-
TOT DE BIECHT.          103
De duivel wederstaat aan God,
maar aan God, die hem verwerpt:
hij aan God die hem straft, maar
gij aan God die u van oogenblik
tot oogenblik zijne gunsten be-
wijst. Zie en bemerk, hoe gij in
boosheid den duivel overtreft,
dien gij nogtaus verfoeit.
VI. Gedenk, o ellendige zondaar,
hoe gestreng God uwe zonden straf-
fen zal, niet alleen hier, maar bij-
zonderlijk hiernamaals in de hel.
Daal eens met uwe gedachten in
dien vuurpoel, en bemerk daar een
vuur dat eemcifjis. Er is niets pijnlij-
ker dan het vuur, en er is niets
langduriger dan eeuwig. Een eeuwig
vuur,
dat is, branden zonder ein-
de; branden \'s morgens, branden
\'s avonds,branden \'s nachts, bran-
den daags. Maar wat zeg ik, daags,
daar het nooit dag, maar altijd duis-
ternis en nacht is! O droevige, o eeu-
wige nacht, ontbloot vanalle vreug-
-ocr page 110-
104 KORTE VOORBEREIDING
de, en vervuld met alle ellenden!
VII. Ik heb het allergrootste nog
niet gezegd, hetwelk gij door de zon-
de verliest, te weten God, van wiens
aanschijn de zonde, zoo gij er in
sterft, u voor eeuwig berooft. O
allergrootste verlies, eeuwig God
te derven!
VIII. Laat u niet voorstaan, dat
God u sparen zal; want hij heeft de
Engelen die gezondigd hadden, niet
gespaard.
Ja, wat meer is, hij heeft
ook zijnen Zoon niet gespaard,
maar
hem geslagen, om de zonden van
zijnvolk.Welkeenafschrikbehoor-
den wij te hebben van de zonde, als
wij overdenken, dat het de zonde is,
die den Zoon Gods zoo wreedaardig
en zoo schandelijk heeft doen ster-
ven. Maar van den anderen kant,
welk een troost en vertrouwen be-
hoort het in ons te verwekken, als
wij overdenken, dat dezelfde eenige
Zoon Gods een verzoenend slagtof-
-ocr page 111-
TOT DE BIECHT.          105
fer, en zijn bloed een geneesmiddel
tegen onze zonden geworden is.
IX. Schep dan moed, o zondaar,
want er is nog een middel om Gods
gramschap te ontgaan. Wilt gij dat
hij u niet straft, zoo straf u zei ven.
Omhels de boetvaardigheid, wasch
uinhet bloed van Christus, verander
uw leven, sta vast en getrouw in de
deugd, en de pijnen der hel zullen
alsdan voor u in eene kroon van
regtvaardigheidveranderd worden.
Opwekking tot een opregt berouw, voor
het kruis van Christus.
Ik werp mij hier neder voor u,
minzaamste Zaligmaker, en beken
mijne schuld, mijne allergrootste
Schuld. Ik ben het die gezondigd
heb, ik heb ongeregtigheid gedaan r
en bid met David," 2. Reg. 24, 17.
dat uwe hand op mij kome. En
met den profeet Jonas, aan het
1. kap. neem mij op en werp mij
in de zee; want om mijnentwille
-ocr page 112-
106 KOETE VOOEBEEEIDING
is dat rp\'oote stm^mioeder opgwezen.
Maar Gij, o Heer, wilt mijnen
dood niet, maar dat ik leve: daarom
zijt Gij gestorven aan het kruis,
en dat met opene armen, om mij in
genade te ontvangen; met gebogen
hoofd, om aan mij den kus van vrede
en van lieide te geven. O vervloekte
zonden, beulen van mijnen Heer!
o al te groote schuld, die niet vol-
maakt kon uitgewasscheu worden,
dan door het bloed van den Zoon
Gods! Ach, kon ik nu zooveel tra-
nen storten, als bij nacht de hemel
bezaaid is met sterren, als de zee
druppels water bevat. O mijn God!
dit verbond maak ik hier voor uw
heilig kruis, dat ik nimmermeer te-
gen U wil opstaan; ik verzaak, sta
af, en vervloek de zonden; ik ben
bedroefd dat ik uwe goddelijke Ma-
jesteit vertoornd heb, niet omdat ik
den hemel verloren, of de hel ver-
diend heb, maar omdat ik U ver-
-ocr page 113-
TOT DE BIECHT.           107
granid heb, die om U zelven alle
liefde waardig; zijt. Ik vertrouw op
uwe barmhartigheid, temeer, daar
ik weet, dat de verdiensten van
Christus grooter zijn, dan mijne en
aller menschen zonden, en dat Gij
zóó de wereld bemind hebt, dat Gij
uwen eenigen Zoon gezonden hebt,
opdatniemand zoude verloren gaan,
maar het eeuwige leven hebben.
Lofzang tot den H. Geest.
Veni, sancte Spiritus.
Kom , heilige Geest! laat uit
den hemel nederdalen de stralen
van uw goddelijk licht. Kom, Va-
der der armen! kom, Gever der
gaven ! kom, Licht der harten!
Allerbeste Vertrooster, liefelijke
gast der zielen, zoete verkoeling !
In den arbeid zijt gij rust, koelte
in de hitte, troost in het geween.
O allerzaligste licht! vervul het
binnenste der harten uwer geloovi-
-ocr page 114-
108        OEFENING VAN DE
gen. Zonder uwe Godheidskracht
is er niets in den mensen; niets
is er zonder zonden. Wasch dat
vuil is, besproei dat dor is, genees
dat gekwetst is, buig dat stijf is,
verwarm dat koud is, bestuur dat
verdoold is : verleen uwen geloo-
vigen, die op U vertrouwen, uwe
zeven heilige gaven; geef hun de
verdiensten der deugd, geef hun
een zalig afscheiden, geef hun de
eeuwige vreugde.
OEFE NING
VAN DE DRIE GODDELIJKE DEUGDEN
Geloof, Hoop en Liefde.
Zeer heilzaam om voor de heilige Biecht
en Communie te lezen.
Het Geloof.
O mijn Heer en God! ik geloof
vastelijk, dat Gij alles hebt gescha-
-ocr page 115-
DEIE GODDELIJKE DEUGDEN. 109
pen, dat gij alles bestuurt, en dat
Gij regter zijt van alles : belooner
van het goed, en straffer van het
kwaad. Ik geloof ook dat onze ziel
onsterfelijk is, en dat men zonder
de genade Gods niet zaligkan wor-
den. Ik geloof ook, dat er één God
is, drievuldig in personen, te we-
ten : God de Vader, God de Zoon,
en God de H. Geest, van welke
drie goddelijke personen God de
Zoon voor ons mensch geworden
en den bitteren kruisdood gestor-
ven is. Dit en alles wat onze Moe-
der, deheiligeKatholijke Kerk, ons
voorhoudt te gelooven, geloof ik
vastelijk, mijn Heer en God, om-
dat Gij dit alles geopenbaard hebt.
Gij die niet liegen kunt, want Gij
zijt de eeuwige waarheid, en Gij zijt
de eeuwige wijsheid. In dit geloof
wil ik leven en sterven. Heer! wil
mijn geloof vermeerderen.
-ocr page 116-
110         OEFENING VAN DE
De Hoop.
O mijn Heer eii mijn God! ik hoop
vastelijk, door uwe goddelyke
barmhartigheid, en door de verdien-
sten van mijnen Verlosser en Zalig-
maker Jesus Christus, te verkrij-
gen vergiffenis van al mijne zouden,
fouten en gebreken, en ook alle
middeleu die tot mijne zaligheid
noodig zijn, eu na dit leven U eeu-
wiglijk te aanschouwen. Dit alles
hoop ik, omdat Gij ons zulks be-
loofd hebt; Gij die uwe beloften
kunt houden, omdat Gij almagtig
zijt; Gij zult en wilt uwe beloften
houden, want Gij zijt oneindig ge-
trouwen barmhartig. In deze hoop
wil ik leven en sterven. Heer! wil
mijne hoop versterken.
De Liefde.
O mijn Heer en God! ik bemin
U uit den grond van mijn hart en
ziel, niet alleen omdat Gij mij
-ocr page 117-
DELE GODDELIJKE DEUGDEN. 111
geschapen, verlost eii geheiligd
hebt, ook niet omdat Gij mij dage-
lijks weldoet, en mij na dit leven
de eeuwige zaligheid wilt verlee-
nen; maar bijzonder bemin ik U ,
om Ü zelven, omdat Gij ons hoog-
ste, opperste en oneindig goed zijt.
Ook bemin ik, uit liefde tot U,
mijnen evenmensen als mij zelven.
In deze liefde wil ik Ie ven en sterven.
Heer! wil mijne liefde volmaken.
Berouw.
O mijn Heer en God! ik verzaak
en verfoei al mijne zonden, die ik
van mijn kindsche dagen af tot nu
toe bedreven heb. Het doet mij leed
uit den grond mijns harten, dat ik
Uooit daardoor vergramd heb; niet
alleen omdat ik daardoor verdiend
heb vanUregtvaardiglijk gestraft
te worden, maar voornamelijk is
het mij van harte leed uit liefde tot
U, omdat ik U, mijn hoogste en
-ocr page 118-
112 NIEUW EOZENHOEDJE.
opperste goed, die alle liefde waar-
dig zijt, vertoornd heb. Ik neem
mij nu vastelijk voor, U,mijnGod,
nimmer weder te vergrammen, de
gelegenheden der zonden te schu-
wen, opregt te biechten, en de
boete die mij opgelegd zal worden,
te volbrengen : liever duizendmaal
wil ik sterven, dan U, o God, we-
der te vergrammen. O Jesus! door
uwe heilige verdiensten , geef mij
daartoegenade. Jesus! geef mij ge-
nade. Heer Jesus! geef mij genade.
NIEUW ROZENHOEDJE.
Het zekerste middel tegen de zonden bestaat
in de overweging der vier uitersten : de dood,
het oordeel, de hel, en den hemel.
Gedenk uwe uitersten, en in eeu-
wigheid zult gij niet zondigen.
Eccl. 7.
Zeg bij het kruis :
Gedenk uwe uitersten , en in eeuwigheid
zult gij niet zondigen; zeg in de plaats van
-ocr page 119-
NIEUW KOZENHOEDJE. 113
elk Onze Vader, driemaal: Ach, eeuwig is
zoo lang!
en zeg in de plaats van elk Wees
gegroet: o Bood, o Oordeel, o Bel, o Bemel!
Ga zoo voort van tientje tot tientje, en zeg
in het wederkeeren tot het kruis: Gedenk
uwe uitersten, enz.
Bemerk ten eerste, dat dit een heilzaam
middel is, in weinige woorden vervat. In-
dien iemand het vasten en andere boete-
werken niet kan verdragen, dat hij ten min-
ste, om de eeuwige straf te ontgaan, deze
korte oefeningen gebruike; zij die weinig
tijd hebben , moeten ten minste een of twee
dusdanige tientjes aandachtig lezen.
Ten tweede, is dit ook een zeker middel;
Mant het is gegeven door den heiligen
Geest, met de gewigtige belofte van zekere
winst; want er staat uitdrukkelijk geschre-
ven : in eeuwigheid zult gij niet zondigen.
Ten derde, deze zekerheid is bevestigd
door verscheidene personen\', die krachtda-
dig zijn ondersteund geworden in het over-
winnen der zonde van onzuiverheid. Velen
zijn er die jaren in den afgrond der boos-
heid verzonken waren; doch door het ge-
durig gebruik van deze middelen zijn zij
in korten tijd versterkt gewoiden, en beb-
8
-ocr page 120-
114             VOORBEREIDING
ben gezegd, dat het hun onmogelijk was
weder te zondigen.
Ten vierde, het is zeer raadzaam, als
ons, hetzij bij dag of bij nacht, eenige be-
koring tot zonde overkomt, terstond dit
middel gedachtig te zijn, met eens of twee-
maal te zeggen: o Dood, o Oordeel, o Hel,
o Hemel.
Ten laatste, in alle gewigtige zaken, bij
eenig gevaar van zondigen, gebruik deze
oefening; aldus zouden vele menschen krach-
tig geholpen zijn geworden bij het aan-
vaarden van eenen levensstaat, indien zij
gedacht hadden: wat zou ik willen, in het
laatste oordeel gedaan te hebben.
Godvruchtige Voorbereiding
EN GEBEDEN TOT DE HEILIGE COMMUNIE.
Zij die met groote liefde en godsvrucht
de heilige Communie ontvangen, ontvangen
hare vruchten op eene uitstekende wijze;
die er flaauw toe nadert, geniet dezelve
flaauw; en ééne Communie met groote
liefde en godsvrucht gedaan, baat meer
dan vele andere. Maar om die vurigheid
-ocr page 121-
TOT DE H. COMMUNIE. 115
te hebben, als men ter Communie gaat,
moet men zich vooraf daartoe berei-
den, en gemeenlijk naarmate men zich voor-
af bereidt, zal ook onze vurigheid of gods-
vrucht zijn.
Zij die gewoon zijn alle maanden, alle
veertien dagen of alle acht dagen tot de
heilige Communie te gaan, zullen zeer
wel doen, dat zij zich eenige dagen te
voren bereiden. Die verscheidene keeren
in de week gaan, zullen ten minste
den dag te voren hiertoe besteden, behalve
dat geheel hun leven zulk eene gedurige
voorbereiding tot de heilige Communie be-
hoorde te zijn.
—*$*—
GEBEDEN VOOR DE HEILIGE COMMUNIE,
Verscheidene korte Gebeden, dienstig om
zich tot de H. Communie te bereiden.
Hemelsche Vader, die de we-
reld zoo hebt bemind, dat Gij uwen
eenigen Zoon niet hebt gespaard,
maar voor ons allen hebt gegeven:
geef dat wij dit werk uwei* groote lief-
de met dankbaarheid overdenken, en
-ocr page 122-
116         GEBEDEN VOOR DE
hetzelve in deze verborgenheid gedach-
tig zijn.
Heilige Vader, die uwen Zoon
hebt gezonden, niet opdat hij de
wereld zonde veroordeelen, maar
opdat zij door hem zoude zaligwor-
deil: wees ons genadig, opdat wij
nooit zijn heilig Ligchaam en Bloed
ontvangen tot ons oordeel.
Genadige Vader, die uwen Zoon.
op eene wonderlijke wijze, in het
heilig Sakrament hebt doentegen-
woordig zijn. opdat hij niet ons zou-
de blijven tot het einde der wereld:
geef dat wij nooit ondankbaar moge»
zijn voor deze oneindige weldaad.
God Zoon. Verlosser der wereld,
die het vleesch aannemende, den
mensch zijt gelijk geworden: ^ee/"
dat tv ij de gedachtenis van uwe groo-
te liefde eeren, zoo dikwijls Gij in
ons door dit heilig Sakrament wordt
herboren.
o Jesus, die bewogen zijnde over
-ocr page 123-
H. COMMUNIE.             117
de scharen die U vuriglijk volgden,
en hen verzadigd hebt: geef dat wij
niet bezwijken op dezen levensweg, bij
gebrek aan dit heilig voedsel.
o Jesus, die met bekende zon-
daren hebt willen verkeeren en
t\'teni wees ons genadig, die zondaars
zijn, en kom onze zielen genezen , die
doodelijk ziek zijn.
ö Jesus, die, om de magt van
uw rijk te toonen, eenen grooten
maaltijd hebt bereid in dit H. Sakra-
ïnent, en er uwe onderdanen zoo
minzaam toe hebt geroepen : geef
dat tcij met vreugde tot dezen maaltijd
mogen komen, doch nooit zonde?\' het
bruiloftskleed aan te hebben.
o Jesus, wienZachensmetblijd-
schap heeft ontvangen, en wien de
honderdman, uit eerbied, niet
onder zijn dak durfde laten komen:
maak dat vrees en liefde zich vereenigen,
als wij U zullen ontvangen.
o Jesus, die voor de instelling
-ocr page 124-
118        GEBEDEN VOOR DE
van dit heilig Sakrament de voe-
ten uwer Apostelen gewasschen
hebt \'. zuiver ons ook meer en meer,
opdat wij te waardiger aan uwe tafel
verschijnen.
Heillige Geest, die door uwc
kracht de menschwording van
Christus bewerkt, en de heilige
Maagd geheiligd hebt, opdat zij
eene waardige woonplaats zoude
zijn voor den Zoon Gods : maak
ons tof waardige woonplaatsen, om
JeSUS in het heilige Sakrament te
ontvangen.
Heilige Drievuldigheid, ééu
God, die de kinderen van Israël
in de woestijn met manna hebt
gespijsd, waarin zij alles proeven
konden, en hen (van die spijze
ten laatste eenen walg hebbende)
gestraft hebt : geef ons dat wij mo-
gen smaken hoe zoet de Heer is, en
dat onze ziel nooit van deze heilige
spijze eenen afkeer hebbe.
-ocr page 125-
H. COMMUNIE.             119
Heilige Maria, die uitverkoren
zijt om te ontvangen, en negen
maanden te dragen, den Heer
van hemel en aarde : bid voor ons,
opdat wij, denzelfden Heer met een
zuivw hart ontvangende, hem ook in
ons ligchaam mogen dragen en in onze
zeden vertoonen.
Alle heilige Engelen en Aarts-
engelen, die den Heer aangebe-
den, en terwijl Hij in de krib lag,
zijne geboorte verkondigd hebt; die
gedurig bij Hem in den hemel staat,
en daarbij in het heilig Sakrament
zijt\'. verkrijgt voor ons eene groote
liefde, om dikwijls en gaarne bij hem
in dit heilig Sakrament tegenwoordig
te zijn, en Hem met eerbiedigheid te
aanbidden.
Heilige Josef, bruidegom van
Maria, en voedstervader van Jesus,
die uwe bruid alle dienst, en aan
het Kind allen eerbied hebt bewe-
Zen : bid voor ons, opdat wij aan JeSUS
-ocr page 126-
120       GEBEDEN VOOR DE
in het heilig Sakrament allen eerbied
bewijzen.
Men kan hier ook de Litanie van het
H. Sakrament des Altaars lezen , en
het lijden van
Christus overwegen.
Gebed en oefening van Geloof.
o Jesus! ik geloof dat Gij iii dit
allerheiligste Sakrament waarlijk
en geheel tegenwoordig zijt; maar
vermeerder en versterk mijn ge-
loof\', om dit verheven geheim nog
levendiger te gelooven.
Ach, hoe weinig kennis heb ik
van uwe oneindige waarheid! Zie,
de Engelen zelfs bewijzen U den
allergrootsten eerbied, de Aartsen-
gelen vreezen, de krachten der he-
melenbeven, de Serafijnen dekken
hun aanschijn, de kolommen des
hemels worden bewogen in uwe te-
genwoordigheid; en hoe zal ik,
aardworm, U, den Heer van eene
oneindige Majesteit, komen ont-
-ocr page 127-
H. COMMUNIE.              121
vangen? Ware het dat Gij mij
eenen engel toezondt, ik zoude
niet weten hoe hem liefde en eer-
bied genoeg te bewijzen. Maar
wat zal ik voor U doen, die de
Heer en Koning, ja de Schepper
der engelen zijt?
Joannes, de grootste onder de kin-
deren der vrouwen , bekende dat
hij niet waardig was uwe schoen-
riemen te ontbinden; dat ik mij
dan voor uw aangezigt niet dieper
verneder, is, dewijl ik uwe groote
waardigheid, zoowel als hij, niet
kende,euomdatmijngeloof zwak is.
O Brood der engelen! hoe zal
ik u in mijn hart laten komen ,
dat een poel van alle gebreken
is, en dat zoo lang de schuilplaats
der duivelen is geweest.
o Jesus! de engelen, die zuiver-
der zijn dan de zon, achten zich
niet waardig U te aanschouwen; en
Gij laat mij niet alleen toeU te aan-
-ocr page 128-
122          GEBEDEN VOOR DE
schouwen,U te aanbidden, te lo-
ven en te beminnen, maar uwe
goedheid gaat zoo ver, dat Gij
wilt dat ik U zal ontvangen; dat
Gij wilt rusten in het midden van
mijn hart; en dat ik met U, in mij
zelven bezit geheel de Godheid ,
geheel de heilige Drievuldigheid,
de vreugde des hemels. O Jesus!
U te gaan ontvangen, als ik denk
wie ik ben! Maar kan ik dit wei-
geren . als ik denk wie Gij zijt ?
Zal ik vermetel zijn U te nade-
ren, daar ik uwe heiligheid ken?
Zal ik mij vanUverwijderen, daar
ik mijne ellende en mijnen nood
ken? Helaas! ik belijd voor hemel
en aarde, dat ik niet waardig ben
de minste genade, van onder uwe
dienaren gerekend te worden, veel
minder de allergrootste, van aan
uwe heilige Tafel te zitten en uw
heilig Ligchaam te nuttigen. Maar
aangezien Gij, o Jesus, het begeert,
-ocr page 129-
H. COMMUNIE.            123
en mij met den dood dreigt, in-
dien ik niet kom, zal ik niet zoo zeer
letten op mijne onwaardigheid, als
op uw gebod en uwe goedheid.
Gebed en oefening van Hoop.
O minzame Jesus! Gij gebiedt
mij dat ik met vertrouwen tot U
moet komen, indien ik aan U deel
wil hebben. Ach, het is een over-
groot werk dat ik begin; want er
moet eene woonplaats bereid wor-
den, niet voor een\' mensch, maar
voor God. O, mijn Jesus! Gij weet
dat er in mij geene plaats waardig
genoeg is voor zulk eenen gast;
nogtans, o Jesus, wilt Gij dat ik
kome : komt tot mij, zegt Gij, die
belast en beladen zijt, en ik zal u
verkivikken. Bemoedigend woord in
de ooren van den zondaar, waar-
door Gij mij, arme zondaar, noo-
digt om deelachtig te worden aan
uw heilig Ligchaam.
-ocr page 130-
124         GEBEDEN VOOR DE
Vertrouwende, o Jesus, op uwe
oneindige goedheid en vriendelijke
uitnoodiging, kom ik tot U, omdat
Gij het gebiedt. En wie zoude tot U
niet komen, zoo vriendelijk genoo-
digd zijnde ? Ik kom met blijdschap,
niet omdat ik waardig ben, maar
omdat Gij mij zoo minzaamnoodigt,
en opdat Gij mij, die zonder U niet
leven kan, zoudt versterken door
uw heilig Ligchaam en Bloed.
En aanzie dan niet, o Jesus, dat
ik vol ben van duisterheid eu ge-
breken; want het is om verlicht en
geholpen te worden, datik mij ver-
stout totUte komen; het is om ver-
sterkt te worden tegen mijne zigt-
bareenonzigtbarevijanden: tegen
de wereld, opdat zij mij slecht en
verfoeijelijk zij, als ik den God des
hemels heb ontvangen; tegen de
bekoringen des vleesches, opdat mij
die niet overweldigen, als ik het
zuivere vleesch van het Lam zonder
-ocr page 131-
H. COMMUNIE.              125
vlekken ontvangen heb: tegen den
duivel, opdat hij geen magt meer
hebbe op mij, als God zelfin mij is.
Ik kom dan als een zieke tot den
geneesmeester des levens, als een
onreine tot de bron der barmhartig-
heid, als een behoeftige tot den Heer
van hemel en aarde. VerwaardigU
dan mijne ziekte te gezezen, mijne
onreinheid af te wasschen, mijne
blindheid te verlichten, opdat ik het
brood der engelen, den Koning der
koningen. den Heer der heeren, mag
ontvangen met dien eerbied, die
nederigheid en godsvrucht, welke
ditheiligegeheimvanonsvereischt.
Gebed en oefening van Liefde.
Wie zal U niet beminnen, o Heer,
die zoo minzaam en geheel de
vreugd der Engelen zijt! Wiens hart
zal totU niet getrokken worden, die
zoo waardig en goedertieren zijt!
Wie zal zich niet bedroeven, dat hij
-ocr page 132-
126         GEBEDEN VOOR DE
liever den vervloekten satan heeft
aangehangen dan U? O goedheid,
o liefde, o barmhartigheid, waar-
door Gij dit heilig Sakrament hebt
ingesteld, en U zei ven stelt tot
spijze voor onze zielen! O onzigt-
bare God! hoe wonderlijk handelt
Gij met ons; hoe zoet en minzaam
is deze schikking voor ons, uwe uit-
verkorenen, aan welke Gij U zelveu
geeft in dit heilig Sakrament: hoe
wonderlijk, hoe liefelijk, hoe wen-
schel ijk zijn de werken uwer lief-
de, dat Gij U zelve zoo mededeelt
aan den mensch! O mijn Jesus!
hoe is het mogelijk dat Gij, de
Koning van hemelen aarde, in mij
uwe woning komt nemen, ik, die
als eene hel vol gebreken ben;
opdat Gij mij verandert in eenen
hemel vol genade en zegeningen.
Ik belijd voor hemel en aarde, dat
ik eerder verdiend had in het diep-
ste der hel geworpen, dan in de
-ocr page 133-
H. COMMUNIE.             127
zee eener zoo oneindige goedheid
ontvangen te worden.
Welke vader werd er ooit gevon-
den, die zijne kinderen heeft ge-
spijsd met zijn eigen vleesch en
bloed ? En dit doet G ij nogtans, a lier-
liefste Jesus! Niet alleen aan hen,
dieUaltijd getrouw gebleven zijn,
maar ook aan die, welke in hun
voorgaand leven, door hunne boos-
lieden U hebben vergramd. O mijne
ziel! watzijtgij niet verpligt te doen
voor uwen Jesus; welk goed kunt
gij weigeren te doen, of welke moei-
jelijkheid te lijden, voor hem die
u zoo bemind heeft. Ó Jesus! ik wil
Udan beminnen uit geheel mijn hart;
voor U wil ik leven, U alleen wil ik
dienen, ditis mijn voornemen. Om in
dit voornemen versterkt te wor-
den, verstout ik mij uw aan-
biddelijk Vleesch en Bloed te ont-
vangen; opdat Gij uwe goddelijke
liefde in mijn hart zoudt ontsteken,
-ocr page 134-
128          GEBEDEN VOOR DE
en in mij te niet doen, al wat U
mishaagt, en al wat Gij niet zijt.
Drie aanbiddingen van het allerheiligste
Sakrament des Altaars.
O allerheiligste Sakrament! ik
aanbid n en ik eer u uit het bin-
nenste mijns harten : want gij be-
vat in u, mijn Heer en mijn God,
mijn opperste goed, en al mijn
troost en zaligheid.
Onmetelijke goedheid, allerhei-
ligsteziel,verheerlijktLigchaameii
dierbaar Bloed van eenen God, die
mensen geworden is: ik aanbid U,
en ik wensch uit geheel mijn hart,
dat alle redelijke schepselen U
kennen, beminnen, dienen en aan-
biddeu, uit al hunne krachten.
ó God, die vol goedheid en rijk
in barmhartigheid zijt: maak dat
uw heilig Sakrament mij een ge-
neesmiddel zij voor al mijne krank-
heden, eene voldoening voor al
-ocr page 135-
H. COMMUNIE.              129
mijne zonden eene vervulling\' van
al de deugden die mij ontbreken,
en eene sterke verzekering tegen
alle gevaren, die mij, levende en
stervende, omringen.
In den naam des Vaders, en des
Zoons, en desheiligen Geestes. Am.
Voorbereiding tot de H, Communie.
O gelukkige dag, o blijde ure,
o vrolijk o ogenblik, waarop ik zal
ontvangen mijnen Jesus, God en
Mensch, met zij ne ziel en ligehaam,
zijnvleesch en bloed, levend en ver-
heerlijkt, gelijk hij in den hemel is!
Minzame Jesus! van waar komt
mij het geluk, dat ik heden op mijne
tong mag nemen en nuttigen het
heilige der heiligen, het mirakel
boven alle mirakelen, hethemelsch
manna, de goddelijke spijze, het
wonderlijk Sakrament.
Hoe is het mogelijk, dat de Schep-
per zich verwaardigt te komen tot
9
-ocr page 136-
130        GEBEDEN VOOE DE
zijn schepsel, de opperste Majesteit
tot eenen worm der aarde, het
oneindige Al tot een ellendig niet!
O goedheid, o barmhartigheid, o
liefde!
Staat verbaasd, o hemelsche
geesten, over de wonderlijke wer-
ken van den Heer! Gij omringt met
eerbied het altaar, ontroerd eii
bevende in de tegenwoordigheid
van dit aanbiddelijk Sakrament;
maar wie is er onder u, hoe ver-
heven hij ook zij, die het geluk
heeft van hetzelve te mogen ont-
vaugen ?
Minzame Jesus! ik bemin U uit
al de krachten mijner ziel, omdat
Gij alle liefde waardig zijt, en om-
dat Gij mij zoo bemind hebt, dat
Gij mij hebt willen spijzen met uw
eigen vleesch en bloed. Ach, had
ik U nooit vergramd, oneindige
goedheid!
Maar hoe zal ik mij durven ver-
-ocr page 137-
H. COMMUNIE.              131
stouten tot dezen goddelijken
maaltijd te gaan, ik die vol zon-
den en gebreken ben; ik kom nog-
tans, alhoewel ik geheel onwaar-
digben, omdat Gij mij, o Jesus,
zoo vriendelijk roept en gebiedt te
komen, en integendeel zeer ge-
streng dreigt met den eeuwigen
dood, indien ik weiger te komen.
Ik groet, eer en aanbid U, met
allen mogelijken eerbied, o heilig
Sakrament, ons van Jesus achter-
gelaten tot eene spijs onzer zielen,
tot gedachtenis vanzij n bitter 1 ij den,
tot eene getuigenis van zijne onuit-
sprekelijke liefde, tot eene gedu-
rige offerande der nieuwe wet, en
tot een pand der hemelsche glorie.
Goede Jesus! laat mij door deze
heilige spijs smaken, hoe zoet het
is, U alleen te zoeken, U te vinden,
U te beminnen, en hoe bitter alle
zoetheid is zonder U.
Ik wensch U te ontvangen, met
-ocr page 138-
132       GEBEDEN VOOR DE
dezelfde stichting\' waarmede zoo
vele heilige zielen U ontvangen
hebben, bijzonder de allerheiligste
maagd Maria, uwe lieve moeder.
Ik vereenig mijne godsvrucht met
hunne stichting, en mijne Commu-
nie met hunne Communien. Dat
hunne vurigheid en godsvrucht
aanvulle, al wat aan de mijne ont-
breekt.
6 Jesus! had ik duizend harten ,
ik zou ze allen besteden om U
duizendmaal te loven, te danken
en te verheerlijken voor uwe ou-
uitsprekelijke barmhartigheid.
Kom dan, o minnaar mijner ziel!
kom, Gij zijt mijn Jesus, dat is
Zaligmaker; maak mij zalig. Gij
zijt mijn Geneesheer, genees al
mijne geestelijke ziekten. Gij zijt
mijn Vader, bemin mij als uw kind.
Gij zij t mijn Bruidegom, ontsteek in
mij uwe heilige liefde. Gij zijt mijn
Meester, leer mij alles wat mij
-ocr page 139-
H. COMMUNIE.             133
zalig en aan U behagelijk is. Gij
zijt mijn Herder; roep mij, bestuur
mij, en trek mij tot U. Ja, Gij zijt
meer dan een herder, want welke
herder voedt zijne schapen met
zijn eigen vleesch en bloed ? Gij
zijt mijn Heer, bind mij met de
banden uwer zoete liefde.
Kom, lieve Jesns! spijs, zalf,
verlicht mij; beweeg, ontsteek en
verander mijne ziel; opdat zij door
de kracht van dit heilig Sakrament
der liefde tot wederliefde worde
gedreven.
Ik wensch uit den grond van
mijn hart, dat alle menschen U
kennen en eeren in dit heilig Sa-
krament, en wilde wel dat ik konde
herstellen al de oneer, die U in
hetzelve wordt aangedaan.
Kom, minzame Jesus! ik verlang
en haak naar U, als een gevangene
naar zijne verlossing, een dorstige
naar het water, een balling naar
-ocr page 140-
134         GEBEDEN VOOR DE
zijn vaderland, een blinde naar het
licht, een zieke naar de gezondheid.
Mijn wensch is slechts met U
vereenigd te zijn; ik noodig U dui-
zendmaal. Kom, verander mij in
eenennieuwen mensch, en volbreng
alles wat ik U afgesmeekt heb. Am.
Gebed voor de heilige Communie.
Ontvang, o allerheiligste Drie-
vuldigheid, dezeheilige Communie
van het ligchaam en bloed onzes
Heeren Jesus Christus, dat ik, on-
waardig mensch, nu begeer te ont-
vangen en aan U op te offeren, met
al de H. Communien die ooit van de
regtvaardige menschen ontvangen
zijn. Ik draag ze U op uit opregte
liefde tot uwe oneindige goedheid,
met de meening van Jesus en zijne
H. Kerk: ten 1. tot eeuwige liefde en
welbehagen uwer goddelijke ma-
jesteit. Ten 2. tot erkentenis uwer
opperste volmaaktheid en heer-
-ocr page 141-
H. COMMUNIE.            135
schappij en van onze onderwerping
aan U. Ten 3. tot eene eeuwige ge-
dachtenis van het lij den en den dood
onzes Heeren Jesus Christus. Ten 4.
ter eere en tot vermeerdering der
glorie van de heilige Maagd Maria,
en geheel het hemelsch hof. Ten 5.
toteene eeuwige dankzegging voor
alle weldaden van de allerheiligste
menschheid onzes Heeren, van de
heilige Maagd, zijne Moeder, mijne
heilige Patronen, van alleZaligen en
van alle mensenen verkregen, en
die aan mij, den alleronwaardig-
ste, gegeven zullen worden in de
eeuwigheid. Ten 6. tot voldoening
van alle oneer, die Gods Zoon in
hetheilig Sakramentzoomenigvul-
dig lijdt. Ten 7. offer ik het om
deze genade N. N. te verkrijgen,
en deze N. N. fouten te verbeteren.
Ontvang en volmaak dezen mijnen
wensch, o oneindige goedheid; en
om dit godvruchtig te volbrengen,
-ocr page 142-
136         GEBEDEN VOOR DE
indien het gebeurde dat ik heden
stierf of deze mijne laatste Commu-
nie ware, zoo ontvang ik deze voor
mijne laatste teerspijze, en verzoek
dat mijne laatste spijs zij het lig-
ehaam en bloed van Jesus; mijne
laatste woorden Jesus Maria; mijne
laatste genegenheden, liefde tot
God, met volkomen berouw over
mij ne zonden; en mij n laatste troost,
te mogen sterven door het omhel-
zen van uwen goddelijken wil. Am.
Lofzang ter eere van God, onze spijze.
Na den bestemden tijd, bij God vooruit
besloten,
Is \'t Woord geworden vleesch, en heeft
voor ons vergoten
Zijn bloed, zijn dierbaar bloed; gezeten aan
zijnen disch,
Gegeven ons zich zelv\', gebleven dat hij is.
God wordt der menschen spijs ! Wat wil
ik verder dringen;
Wat zal ik eerst van U, wat zal ik daarna
zingen ?
-ocr page 143-
H. COMMUNIE.              137
O hemel! wees mijn hulp, opdat mijn zang
niet faalt.
Van U is hier tot ons dit Manna neerge-
daald.
O goddelijke spijs, die voor den mensch
geboren;
O goede God! de mensch was zonder U
verloren.
O Vorst uit Juda\'s stam, gelijk een leeuw,
men ziet
Dat al het helsch gespuis voor hem nu beeft
en vliedt!
Het vleesch dat, van een\' Maagd, Gods
Woord heeft aangenomen,
En zoo ontvangen is, en zoo is voortgekomen;
Het vleesch dat voor ons op Golgotha is
gedood,
Dat wordt nu ons tot spijs, dat wordt ons
hemelsch brood.
Natuur hier als bezwijkt, de moeder aller
zaken,
Verbaasd door dit geheim, daar zij niet
aan kan raken,
Mits \'t alvermogend woord van God dit
wonder doet.
Het brood verkeert in vleesch, de wijn
verkeert in bloed,
En Christus blijft geheel, en van hem niet
gescheiden;
-ocr page 144-
138         GEBEDEN VOOR DE
Geheel is hij in één, geheel in alle beiden j
Die in zich \'t al begrijpt, die schuilt hier
ook geheel,
Geheel in \'t kleinste punt, geheel in \'t groot-
ste deel.
En daar het Woord is God, één altijd met
den Vader,
Daar waar het ligchaam is, daar zijn zij drie
te gader:
De Vader, en de Geest, en \'t Woord als God
zijn één.
Het Woord, als Woord, aan \'t vleesch
verbonden is alleen
Gestorven, is God-mensch, en door zijn
kracht verrezen;
Een die onsterflijk leeft, moet ook onlijd-
baar wezen.
En wijl het ligchaam leeft, noodzakelijk
zoo moet
Alwaar het ligchaam is, daar wezen ook
het bloed.
Veel duizend krijgen één, en doet één niet
verkeeren;
En dat veel hebben één, doet één toch niet
vermeeren.
Gelijkerwijs één stem van velen wordt ge-
hoord,
In velen is één stem, in veel\' hetzelfde
woord,
-ocr page 145-
H. COMMUNIE.             139
Zoo is \'t dat, door zich zelv\', de springbron
aller zaken,
Jehova in \'t begin, uit niet kon alles maken.
Is minder nu zijn hand ? of wat weerhoudt
zijn kracht,
Te maken, nu nog eens, dat eens in voort-
gebragt?
Als gij dan dit geheim door \'s Priesters
hand ziet breken,
Wil dan niet naar den schijn of naar uw
oogen spreken;
Geloof en houd voor vast, dat hier in \'t
minste niet,
Al breekt men de gedaante, aan \'t ligchaam
scha\' geschiedt.
Is \'t wonder dat ons hier onz\' zinnen zoo
bedriegen;
Is \'t wonder dat ook hier ons klein begrip
moet liegen?
Aanzie den ronden boog; door Godes
sterke hand
Geschilderd in de lucht, het zonlicht aange-
plant,
Spreidt zij haar purper kleed, grootaardig
naar het leven,
Met zilver geborduurd, met goud dooreen
geweven!
Wat oordeelt gij hiervan, wanneer gij, naar
uw waan,
-ocr page 146-
140         GEBEDEN VOOR DE
Rondom des werelds bol deez\' groote streep
ziet staan?
Hier is noch wit, noch geel, hier is niets
afgemalen;
Zoo speelt de zon alleen met haar vergulde
stralen,
Hier tegen \'t matte blaauw; zoo dat daar
voor gewis,
Hetgeen gij meent te zien, in \'t minste niet
en is.
O voedsel onzer ziel! wij hebben u ge-
vonden ,
"Wij zuigen aan uw\' zijde, en leven in uw\'
wonden.
Alwaar Gij zelve hebt geschreven, al voor
lang :
Mijn vleesch is waarlijk spijs, mijn bloed is
waarlijk drank :
Buig biddend hier uw hoofd, val neer tot
aan de voeten ;
In dit hoog Sakrament moet gij uw\' Schep-
per groeten;
In dit zoo hoog geheim, waar zijn\' barm-
hartigheid
Voor ons zijn vleesch en bloed tot spijs en
drank bereidt.
-ocr page 147-
H. COMMUNIE.              141
Om den verloren tijd in te halen, is
het zeer goed dit gebed dikwerf
van harte te zeggen.
ö Zoete Jesus! ach, dat ik U al
den tijd mijns levens alzoo gediend,
bemind en geloofd hadde, gelijk alle
Heiligen dit verlangen en begeeren
te doen! Hoe gaarne zou ik U dat
offeren, tot dankbaarheid voor al
het goede, wat Gij mij bewe-
zen hebt en in eeuwigheid be-
wijzen zult. Amen.
Godvruchtige groetenis aan den
Heer Jesus.
In den naam onzes Heeren Jesus
Christus moeten gebogen worden
alle knieën dergenen, die in den
hemel, op de aarde, en onder de
aarde zijn; en dat alle tongen be-
lijden, dat de Heer Jesus Christus
is in de heerlijkheid Gods, des
Vaders. Hem zij lof, eer en glorie,
-ocr page 148-
142 GEBEDEN VOOR DE H. COMMUNE.
in de oneindige eeuwigheid der
eeuwigheden. Amen.
Ik aanbid, loof, verheerlijk en
dank U, Heer Jesus Christus, voor
alle weldaden die mij van U gege-
ven zijn, en bijzonder dat Gij mij
naar uw beeld geschapen, door uw
dierbaar bloed verlost, tot uwen
dienst geroepen, en over mijne zon-
den geduld gehad hebt. Ik bid U
ook, o Heer Jesus Christus, wil U
over mij, ellendige zondaar, ont-
fermen; wil mij in het uur mijns
doods kwijtschelden, al wat ik tegen
U met gedachten, woorden en
werken moge misdaan hebben;
wil mij al het goede, hetwelk ik
door onachtzaamheid mag ver-
zuimd hebben, vergeven. Dit bid
ik U, o Heer, door uwe eeuwige
en heilige liefde: die leeft en
heerscht, in eeuwigheid der eeu-
wigheden. Amen.
-ocr page 149-
OEFENINGEN EN GEBEDEN
NA DE HEILIGE COMMUNIE.
----------->wt-----------
De heilige Hostie met alle eerbiedigheid
genuttigd hebbende, keer u in uw binnenste
tot uwen Jesus j laat uw hart alleen spreken,
en haast u niet om mondgebeden te doen.
Beschouw u zelven als een tabernakel en
als een kleine hemel, omringd van de en-
gelen, die hunnen Heer aanbidden.
Neem het oogenblik, waarin Jesus in u is,
wel waar; de Koning is in uw huis; toon
hem uw verzoek, waar zoo veel van afhangt.
Tracht ten minste een kwartier uurs in gees-
telijke oefeningen te blijven, en overweeg bij-
zonder het lijden van Christus; want hij heeft
dit heilige Sakrament des avonds voor zijn
lijden en dood, tot eene gedurige gedachte-
nis hiervan ingesteld.
o Jesus, Jesus, Jesus! o mijue
liefde! o mijn al! geslagtofferd aan
het kruis voor mijne zonden. O
allerheiligste offerande! o groote
offerande van de geheele wereld,
-ocr page 150-
144           GEBEDEN NA DE
die ik nu in mij heb! ik aanbid en
verheerlijk U uit al de krachten
mijner ziel.
O volheid, grondelooze zee! o
oorsprong\' en bron van alle genaden
enhemelschezegeningen! ach, laat
mijne ziel nu daaraan deelachtig\'
en vervuld worden van uwe komst
en uwe tegenwoordigheid in mij.
O allerminzaamste Jesus! o aller-
schoonste en allerzoetste, o aller-
magtigste en allerwonderlijkste
Jesus! o allergewenschte op aarde!
dat al mijne krachtU verwelkome,
die U verwaardigd hebt in mij te
komen; dat al mijne beenderen op-
springen, en mijn mond uitroepe:
Heer! wat is er, en wie is U gelijk f
En daar Gij U gewaardigt U aan mij
te geven en met mij te vereenigen,
verwaardig U alzoo mij met uwen
Vader, als slechts één zijnde, ook
te vereenigen, opdat, gelijk Hij in
U altijd zijn welbehagen heeft, en
-ocr page 151-
H. COMMUNIE.            145
U alle goeds wil, hij mij zal aan-
zien als vereenigd en één gewor-
den met U.
Ach, dat ik al de krachten der
menschen en engelen hadde, om
die tot uwen lof en uwe liefde te
besteden! Ach, dat ik U zulke lof-
zangen en begeerten van hemel-
sche liefde konde opofferen, gelijk
er gedurig vooruwen heiligen troon
worden gedaan, alwaar duizend
millioenen engelen U omringen,
die dag en nacht zonder ophouden
roepen: heilig, heilig, heilig!
O liefde, die altijd brandt en
niet uitgaat! O zoete Jesus, die
mijn God zelf zijt! ontsteek mij ge-
heel door uw goddelijk vuur; hei-
lig mijne tong, op welke Gij als op
een altaa r hebt geleden; heiligmijne
oogen, die uw heilig geheim heb-
benaang ezien;heiligmijnligchaam
met al zijne krachten en zinnen,
die met U zoo vereenigd en ver-
10
-ocr page 152-
146          GEBEDEN NA DE
zameld ziju, opdat ik ze heiliglijk
gebruike tot uwe eer en glorie,
eii tot bevordering van mijne
zaligheid.
0 mijn fleer! o mijn God! wat
is dit, van waar komt mij dit on-
begrijpelijk geluk? hoe is het mo-
gelijk, dat nu niet de Moeder des
Heeren, maar de Heer Jesus zelf
tot mij en in mij komt, om mij
deelachtigte maken zijner bloedige
offerande aan het kruis! O mijne
ziel! verheerlijk den Heer, en dat al
wat in mij is zijnen heiligen, naam
aanbidde. Dat U, o mijn God, al
mij ne krachten en bestaan verheer-
lijken; dat alle begeerten van mijn
hart zich in U verheugen.
O liefde, o goedheid! o almagt
van eenen mensch-geworden God!
Oneindige verned er ing, onbegr ij pe-
lijke vernietiging is het, dat Gij, o
Jesus. U zoo vernedert en U ver-
waardigt in mijn binnenst te komen;
-ocr page 153-
H. COMMUNIE.             147
in mijne ziel, om haar te bezoeken,
te genezen, en om haar zoo te ver-
eeren. Gij,mijn Schepper, Verlosser
en mijn al; en ik een arm schepsel,
een weinig stof en asch, een worm
der aarde; Gij, de Koning\' der een-
wige glorie, de Beheerscher van
hemel en aarde, de oneindige
hoogverhevene Majesteit; en ik
een verloren, vuil en onnut vat,
eene bronwei van zonde! En Gij
komt van den hemel tot mij, om
mij met uwe hemelselio genade te
vervullen, om van mij een en klei-
iien hemel te maken.
O wonderlijke zaak! o onbegrijpe^
lijke verborgenheid! o goede God!
hoe handelt Giji zoó met uw sch epsel,
en voedt Gij alzob eenen aardworm
met uwe ! allerbeste goederen! O
hemelen! zijt verwonderd, en gij
aarde vétaverbaaödövèr deze zaak.
Wees dah welkom ,\'ó riiiin Vader,
o mijn Koning, mijB Al! wees dui-
-ocr page 154-
148          GEBEDEN NA DE
zend en duizend millioenen maal
welkom in het arme stalletje en
kribbetje van mijn hart, om daar
herboren te worden en te rusten.
Ach! word toch geestelijk herboren
in mij, levende en blijvende in mij
door uwen geest, door uwe genade
en liefde. O hemelsche geesten, die
hier rondom mij zijt, om uwen Heer
en God, die in mij rust, te loven
en te danken : ach! looft en dankt
hem voor mij over deze onuitspre-
kelijke weldaad en overgroote ge-
nade. En ik, o Jesus, terwijl ik
mij bij uwe heilige Engelen voeg.
roep met hen: heilig,heilig, heilig!
ik aanbid U, ik loof, ik dank en
verheerlijk U methen, ozoete Jesus!
Wat is er toch, dat U heeft bewogen
om alzoo in mij te komen? Alles
is arm en koud, wat in mij te vin-
den is: wat heeft er U anders toe
bewogen, dan uwe liefde tot ons?
Het was dan niet genoeg voor uwe
-ocr page 155-
H. COMMUNIE.              149
liefde, dat Gij voor ons den bitteren
dood stierft, maar Gij hebt ook dit
heilig Sakrament willen instellen ,
om door hetzelve in ons te komen *,
opdat wij uwen dood en uwe
liefde zouden gedenken, zoo dik-
wijls als wij hetzelve ontvangen,
en om ons aan uwen dood op
eene uitstekende wijze deelachtig
te maken.
Ah de Joden van hunne zoenofferanden
aten, gedachten zij dat die voor hen geslagU
offerd waren; zoo ook ah de Christenen het
vleesch van
Jesus nuttigen, gedenken zy dat
het voor hen is opgeoferd.
Oefening om het lijden van Christus
te overwegen.
Ik groet, aanbid en verheer-
lijk U, allerheiligste Ligchaam van
mijnen Jesus, doorwond en door-
sneden van de zweepen en roeden,
overdekt en bekleed met uw pur-
per bloed. (denk als gij dit zegt
-ocr page 156-
150           GEBEDEN NA DE
aan Christus en aan ieder lidmaat
dat gij noemt.) O goddelijk hüüfd,
doorstokenen metzooschrikkelijke
doornen gekroond: ik aanbid u,
wees verheerlijkt en aangebeden
vanalle schepsels. O allerliefst aan-
schijmblaauwgeslagenenoverdekt
met de walgelijkste vuiligheid van
het speeksel der Joden : ik aanbid
en verheerlijk u. O gezegende tong.
heilige monden heilige ingewanden
van mijnen Jesus, verdroogd en
verstikt door den dorst, gansch ver-
vuld en bitter gemaakt door gal en
myrrhe : ik aanbid u. Ik groet,
verheerlijk en aanbid u, o door-
wonde handen en voeten, die zoo
wreed voor mij aan het kruis zijn
genageld geweest.
Ik bedank U, o Jesus, omdat
Gij voor mij al die pijnen en den
bitteren dood hebt willen onder-
gaan. Ach! dat ik toch nooit zoo
ondankbaar mogte zijn, dat ik
-ocr page 157-
H. COMMUNIE.             151
deze zoude kunnen vergeten. Maar
doe mij navolgen wat ik heb ont-
vangen; geef mij, dat gelijk dit
heilige Sakrament ons gedurig
uwen dood vernieuwt, ik ook ge-
durig sterve aan alle kwade drif-
ten, en ik in mij den mensen doode.
O Jesus! bloed van de nieuwe
wet: schrijf met dat bloed uw lij-
den in mijn hart, opdat het er
nimmer worde uitgewischt.
Oefening \'om verscheidene vragen te
doen aan Christus.
O mijn Jesus! ik werp mij als
eene andere Magdalena aan uwe
heilige voeten en wensen daarop
uit te storten twee beeken van tra-
nen : tranen van droefheid, omdat
ik U, mijn opperste Goed en zoo
minzame Vader, vergramd en zoo
dikwijls flaauw en ongetrouw ge-
diend heb; tranen van blijdschap,
omdat ik U in mij heb, die de
-ocr page 158-
152 GEBEDEN NA DE
magtige Koning zijt, die mijne ziel
kunt beschermen en bewaren; om-
dat ik U in mij heb, die de groote
herder en heelmeester mijner ziel
zijt, die haar kunt genezen, zui-
veren, heiligen en al hare zonden
vergeven; omdat ik U in mij heb,
in wiens handen mijn eeuwig geluk
of ongeluk is.
o Jesus! toen Gij op de wereld
zigtbaar wandeldet, werden al de
huizen, welke Gij bezocht, ge-
zegend, en werden allen, die met
een groot geloof tot U kwamen, ge-
nezen van al hunne kwalen. Ach,
zegen nu ook het huis waarin
Gij U verwaardigd hebt te komen;
genees toch mijne ziel van al hare
geestelijke wonden. Dat uwe diepe
ootmoedigheid, o Jesus, mijne
hoovaardigheid geneze, en uwe
zachtmoedigheid mijne hardheid.
Dat uwe zuiverheid, o Lam zon-
der vlekken, mijne kwade natuur
-ocr page 159-
H. COMMUNIE.            153
geneze, opdat ik nooit den prikkel
des vleesches gevoele. Dat uwegoe-
dertierenheid en liefde mij ne afgun-
stigheiden kleine liefde geneze, en
uwe naarstigheid mijne traagheid;
dat uwe geduldigheid mijne onge-
duldigheid verbetere, en dat uwe
mildheid mijne gierigheid geneze.
Is het dat ik tot straf van vorige
zonden de aanvechtingen mijner
kwade driften moet ondergaan, zoo
laat niet toe, dat ze mij overmees-
teren, en dat ik in de vorige zon-
den valle, maar dat ik ze getrouw
moge wederstaan, en U, o Jesus,
met verlaten, maar door een be-
ter leven meermaals deze spijs mag
ontvangen en met U vereenigd zijn.
O Jesus! o eeuwige wijsheid des
Vaders! o eeuwig licht, van het
eeuwig licht! verlicht mijne ziel
inwendig; laat een straaltje van uw
goddelijk licht in mijn verstand
vloeijen, opdat ik iets moge zien
-ocr page 160-
154          GEBEDEN NA DE
van hetgeen Gij zijt: iets van de
schrikkelijke eeuwigheid, en hoe
kort en broos het leven is.
Godvruchtige vragen van den heiligen
Augustinus, die met veel aandacht
moeten uitgesproken worden.
Geef mij, o zoete JeSUS, cjeef mij
dat ik mij kenne, dat ik Ukenneen
dat ik niets anders begeere dan U.
Dat ik mij hate, en dat ik U be-
minne, en dat ik alles doe om U.
Dat ik mij vernedere, opdat ik
U verheife, en niet denke dan op U.
Geef mij, o lieve JeSUS, rjeef mij dat
ik mij verlate, opdat ik U alleen
en altijd wensche na te volgen.
Dat ik van mij vlugte, en tot U
vlugte, opdat ik verdien e bevrijd
te zijn door U.u i
Dat ik mij zelven vreeze, en U
vreeze, opdat ik mag zijn onder
uwe uitverkorenen.
Dat ik mij mistrouwe, en op U
-ocr page 161-
H. COMMUNIE.             155
betrouwe, en dat ik U in alles ge-
hoorzame.
Dat ik tot niets anders lust nebbe
dan tot U, en dat ik gaarne arm
zij om U.
Zie op mij, opdat ik U beminne;
roep mij, opdat ik tot U kome,
en U in eeuwigheid mag genieten.
Amen.
DANKZEGGINGEN
om God te danken nu de heilige
Communie.
O mijn God! wat zalikUweder-
geven voor deze groote weldaad,
dan dat ik mij zelven opdraag tot
uwen dienst, en tracht getrouw te
blijven in al hetgeen Gij van mij be-
geert. Maar dit ben ik U schuldig,
omdat Gij mij hebt geschapen; dit
ben ik U schuldig, omdat Gij mij
hebt verlost: wat zal ik er dan bij-
voegen, omdat Gij mij hebt gespijsd
met uw vleesch en bloed? Geef mij
-ocr page 162-
156           GEBEDEN NA DE
dan, o Jesus, dat ik, die om zoo
veel reden verpligt ben mij gansch
tot uwen dienst te besteden, nu ten
minste U getrouw blijve.
o Jesus, die mij hebt bemind
met eeue eeuwige liefde: wat zal
ik U wedergeven? Mijne liefde is
te klein; ik kan U slechts weder-
liefde betoonen. O, wie geeft mij
een ander hart der Heiligen, wie
geeft mij de liefde van alle Gods
lieve vrienden, opdat ik iets waar-
digs moge bijbrengen, en de liefde
van Jesus met wederliefde moge
beantwoorden.
o God! al had ik duizend lig-
chamen, wier deelen allen mondeu
werden, en wier haren tongen wa-
ren, die niet ophielden nacht en
dag U te danken, en die allen U
ter liefde smolten en zich verteer-
den : wat zoude dit kunnen opwe-
gen tegen hetgeen ik U behoorde
te geven?
-ocr page 163-
H. COMMUNIE.            157
Ben ik dan zoo nietig, dat ik U
mijn God, niets waardigs kan ge-
ven? Geef dat ik mij, ten minste
het weinige dat ik heb en ben,
U opregtelijk opdrage.
Ik offer U dan tot dankzegging
mijn hart op, vereenigd met het
uwe,om U altijd te beminnen: mijn
ligchaam met deszelfs vijf zinnen,
(en bijzonder mijne oogen) die ik
gestadig zal trachten te doen ver-
sterven, en gebruiken wil tot het
volbrengen van uwen wil, tot be-
vordering van mijne zaligheid en
van die van mijne naasten, en om
niet te leven dan voor U, mijn God
en mijn Al!
Geef mij, dat ik mij zelvenalzoo
opdrage aan U, die U zelven aan
het kruis voor mij hebt opgeof-
ferd; dat ik mij gansch aan U geve,
die U zelven eerst gansch aan mij
gegeven hebt, en dat ik niet leve
dan voor uwen Vader.
-ocr page 164-
158           GEBEDEN NA DE
Geloofd en gezegend zij het allerhei-
ligste Sakrament des Altaars.
Mijn vleesch is waarlijk spijs, en
mijn bloed is waarlijk drank : zoo wie
mijn vleesch eet en mijn bloed drinkt,
die blijft in mij en ik in hem.
AldusspreektChristus, de eeuwige
waarheid, bij Joannes; cap. 5. v.
30 en 56.
LOFZANG,
ter eere van het allerheiligste
Sakrament des Altaars.
Mijne ziel, sta hier wat stil, en wil met
uw gedachten
Toch gaan in uwen grond, om daar eens
te betrachten,
De liefde van dien God, wiens grootheid
heeft geen end\',
Bewezen aan den mensch, in \'t heilig Sa-
krament.             . :
\'t Is waar, dat geen verstand genoeg kan
achterhalen,
Ook van de Eng\'len zelfs, noch tong het
kan vertalen,
-ocr page 165-
H. COMMUNIE.              159
Hoe dat die groote God, die hemelen en
aarde
Door zijne almogendheid gemaakt heeft en
bewaart,
Voor wien met ootmoed staan de schaar der
Cherubijnen,
Voor wien eerbiedig beeft het koor der
Seraphijnen,
Voor wie al wat bestaat zich zelven buigen
moet,
Wiens aangezigt alleen heel \'t aardrijk beven
doet:
Dat deze God, zeg ik, uit \'s hemels hooge
zalen,
Verlatende zijn rijk, op de aarde neer komt
dalen
In \'t heilig Sakrament, alwaar dat onder schijn
Van brood zijn ligchaam rust, en bloed in
plaats van wijn;
En dat tot spijs en drank van ons, ondank-
bre menschen,
Tot voedsel onzer ziel, tot troost van onze
wenschen.
O wonderbare zaak! o afgrond aller min!
0 groote Majesteit! wat komt U in den zin,
Dat Gij U dus verneert? \'t Was tegen alle
reden,
Dat eenig koning zelf kwam tot den slaaf
getreden,
-ocr page 166-
160          GEBEDEN NA DE
Omdat hij niet alleen zou geven al zijn goed,
Maar ook uit zuiv\'re min, hem schenken lijf
en bloed:
Dat was een zeldzaam werk, bijna niet te
gelooven,
Dat was een dwaze min, die zulk een vorst
zou rooven
Van zinnen en verstand : nogtans \'t is zoo
volbragt,
Dit wonder is geschied voor \'t menschelijk
geslacht.
Wat is dit anders, Heer, wat heeft het te
bedieden,
\'t Geen ik op het altaar gestadig zie ge-
schieden,
Dan dat Gij, groote God, U eigen zelven
geeft
Aan mij, uw armen slaaf, opdat mijne ziele
leeft!
Vergeef mij \'t geen ik zeg, het is nogtans
waarachtig :
Al zijt Gij eeuwig wijs en rijk, en alles
magtig;
Gij weet, Gij hebt, Gij kunt aan mij niet
geven meer;
Want zoo ik zelve weet, Gij zijt het al;
o Heer!
O liefde veel te groot, die Gij ons komt te
schenken,
-ocr page 167-
H. COMMUNIE.               161
De Englen staan verbaasd, niet wetende
wat te denken,
Als zij den armen niensch zien nutten, zon-
der vrees,
In \'t heilig Sakrament, Gods eigen bloed en
vleesch.
Wanneer ik dit bedenk, durf ik mij niet
verstouten
Om U te nuttigen; ik ben te vol van fouten,
Mijn armoe is te groot, mijn zuiverheid te
klein,
Voor IJ, voor wien toch zelfs de hemel is
onrein.
Maar wat is dit gezegd? Ik ben verpligt te
zwijgen;
Ik hoor dat Gij, o Heer, den mensch nog
komt bedreigen,
En zegt: zoo wie hier niet ontvangt mijn
vleesch en bloed,
Weet dat voor eeuwiglijk zijn\' ziele sterven
moet.
ö God en Opperheer! is dit zoo uw sententie ?
o Welke strenge wet, wat zalige intentie!
Wat schriklijk dreigement, wat liefderijk
gebed:
De arme kranke mensch moet nutten zijnen
God!
Welaan dan, zoetste Heer, ik geef mij
gansch gevangen,
11
-ocr page 168-
162           GEBEDEN NA DE
Dat uw wil geschiede, is mijn geheel ver-
langen ;
Tk werp mij voor U neer, naar U is \'t dat
ik haak,
Die zijt mijn spijs en drank, vol heraelzoete
smaak,
ö Manna, heilig brood, dat mijne ziel doet
leven;
ó Kostelijke drank, zoo liefderijk gegeven;
ö Maaltijd vol vermaak, o goddelijk banket ,
\'t Welk van mijnen God mij hier wordt
voorgezet.
Gij zijt, o Jesus zoet, het voedsel mijner
krachten,
Het einddoel van mijn wil, het beeld van
mijn\' gedachten ,
Het licht van mijn verstand, de zeilsteen
van mijn hart,
De toevlugt in den nood, de troost in al
mijn smart;
Gij zijt, in zieledorst, een levende fontein;
In ziekte, angst of nood, een zoete medi-
cijn;
De voeder van mijn\' ziel, de stuurman van
mijn schip,
Het wit waar ik naar schiet, de honig van
mijn\' lip;
Gij zijt, zeg ik, de schat, waarnaar ik steeds
wil graven,
-ocr page 169-
H. COMMUNIE.               163
En na mijn ware reis, de lang gewenschte
haven.
o Jesus, Jesus zoet! Gij zijt het opperst Al ,
Dat ik met hart en ziel gestadig loven zal.
Ach, hadde ik nu eens, naar mijn begeer
en wenschen,
De tongen al te maal der Engelen en der
menschen,
Om met een zoet geluid te zingen uwen lof!
Maar nu dit niet kan zijn, beroep ik \'t
hemelsch hof:
Komt, komt dan altemaal, gij schoone
Cherubijnen,
Komt, in de liefde Gods ontstoken Sera-
rijnen,
Erkent hier uwen God, aanbidt hier uwen
Heer,
Aartsenglen ongeteld , komt, looft hem meer
en meer!
Komt ook met zoet geluid, gij Vorsten ,
Potentaten
Van \'s hemels koningrijk, wilt uwe troonen
laten,
Bn daalt hier neer te zaam, en looft Hem
zonder end\',
Die dus vernederd schuilt in \'t heilig Sakra-
ment
Gij hemel, zon en maan, gij schoone sterre-
lichten,
-ocr page 170-
164            GEBEDEN NA DE
Wilt voor den Heer van \'t Al ook eenen
lofzang dichten.
Komt ook met dankbaarheid, gij water,
licht en vuur,
Gij aarde, lucht en zee, looft hem te aller
uur.
Komt vogeltjes der lucht, uw bekjes wilt
ontsluiten,
Looft uwen Schepper ook, met uw zoet-
aardig fluiten;
Komt vischjes in de zee, vergadert u te
zaam,
Om zoo op uw\' manier te prijzen zijnen
naam;
Komt dieren desgelijks, die op de aarde
leven,
Komt aan den Opperheer de hoogste eere
geven;
Komt boomen, gras en kruid, en bloemen
wonder schoon,
Komt, maakt voor uwen God en Schepper
eenen troon.
Dit is, o Jesus zoet! dit is al mijn ver-
langen ,
Dat al wat ooit van U het wezen heeft
ontvangen,
U geve alle eer, U love zonder end\';
Die dus, uit liefd\' tot ons, rust in dit
Sakrament.
-ocr page 171-
H. COMMUNIE.              165
Maar als dit nu, o Heer, zoo kwame te
geschieden,
Al deze lof en eer had toch niets te be-
dieden,
Daar Gij oneindiglijk meer eere waardig zijt,
Waarin ik mij verheug, o hoogste Majes-
teit.
Ik kome dan tot U, en wensch, o Heer der
Heeren!
Dat Gij U zelf voor ons naar uw\' verdienst\'
wilt eeren
En loven zonder eind; opdat van nu af aan,
Onz\' pligten door U zelf zijn eeuwig lijk vol-
daan.
Looft en prijst nu zonder end,
Hier het heilig Sakrament.
Verzuchting van eene christelijke ziel
tot Jesus, haren beminden , ver-
borgen in het geheim des Altaars.
Mijn ziel verlangt naar U, o lieve Jesus
zoet,
Gelijk een dorstig hert dat naar het water
spoed:
U wensch ik te ontvangen in \'t heilig
Sakrament,
Waar mijn vast geloof U tegenwoordig kent.
-ocr page 172-
166            GEBEDEN NA DE
Gij zijt het voedsel, waardoor mijn\' ziele
leeft,
G ij zijt die aan mijn geest den vollen was-
doni geeft,
Gij zijt mijn toevlugt, kracht en allerhoog-
ste vreugd,
Mijn troost, mijn heil en steunsel mijner
deugd;
\'k Wil door de liefde zuiveren mijn hert,
Dat ik van alle smet gezuiverd werd.
Maak mij ootmoedig, vol eerbiedigheid,
Zoo word ik schoon tot uwe komst bereid,
\'k Geloof in U, verborgen Majesteit!
Ik hoop op U, o bron van Heiligheid!
\'k Bemin U, o mijn lieve Bruidegom!
\'k Onthaal U met eene blijde wellekom.
Blijf in mijn hart in alle eeuwigheid,
ö Jesus, pand van mijne zaligheid.
Wanneer ik U bezit, ben ik gerust,
Want buiten U is niets dat mij behaagt of
lust.
Blijf toch in mij, en ik in U, o God!
Gij zijt alleen mijn uitverkoren lot.
Mijn\'ziel is reeds een hemel hier omlaag,
Zoo lang ik U, mijn God, in \'t zuiver harte
draag.
Geef, Jesus, want dit wensch ik allermeest,
Dat ik met U vereenigd in den geest,
Worde opgedragen tot een offerand\',
-ocr page 173-
H. COMMUNIE.              167
Op \'t altaar, waar het vuur van uwe liefde
brandt.
Aan U, mijn God, zij altijd lof en eer,
Blijf Gij in mij, en ik in U, o Heer!
En druk uwe liefde mij zoodanig diep in \'t
hart,
Dat nooit mijn geest van L\' gescheiden wordt.
Geel dat ik altijd heb in mijn gedachte,
Uw dood en lijden: dat ik U verwachte
Met vreugde, tot dat Gij, in volle heerlijkheid,
Mij gunstig roept in \'t rijk, reeds lang voor
mij bereid,
Waar ik den hemel zonneklaar zal zien,
Hetwelk thans slechts in \'t harte kan ge-
schien;
Waar al wat nu geheim is voor \'t gezigt,
Zal openstaan in \'t eeuwig zonnelicht.
-ocr page 174-
-$^^4^rgj ^^4^-gs-^-j^ ig~:^g=:4^-^ -S^\'g ~^Sj)>
LITANIEN
VOOR AE DE; DAGEN EER WEEK,
Litanie voor don Zondag.
TOT DE ALLERHEILIGSTE DRIEVULDIGHEID.
In den naain des Vaders, en des Zoons,
en des heiligen Geestes. Amen.
Antiph. Drie zijn er die getuigenis geven in
den hemel : de Vader, het Woord, en de heilige
Geest.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontfermU
onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
Heilige Geest, waarachtige God,
ontferm U onzer.
-ocr page 175-
LITANIE TOT DE ALLEEH. ENZ. 169
Heilige en ondeelbare Drievul-
digheid , één God, ontferm U
onzer.
Onbegrijpelijke Majesteit,
Onveranderlijke magt,
Oneindige wijsheid,
Grondelooze goedheid,
Eeuwige goedheid,
God, almagtig Koning,
hö" Die alléén God zijt,
jg Door wien wij leven, bewo- c
Jf> gen worden en zijn, £
2   Wiens majesteit de gansche 5*
| aarde vervult,
                a
\'C Aanwien men alleen alle eer ^
0 en glorie verschuldigd is, 0
eS Die ons troost in allen te- g
jfj genspoed,
                            3
03   Die alleen groote wonderen \'
doet,
Die zijt, die waart en die
zult komen,
Regtvaardig en schrikke-
lijk in het oordeel,
-ocr page 176-
170          LITANIE TOT DE
Heilige Drievuldigheid, heerlijk
eii wonderlijk in uwe werken,
ontferm U onzer.
Heilige Drievuldigheid, ongeboren
Vader, ontferm U onzer.
Heilige Drievuldigheid, eenigge-
boren Zoon, ontferm U onzer.
Heilige Geest, van beiden voort-
komende, ontferm U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Wees verzoend, spaar ons, Heer.
Wees verzoend, verhoor ons, Heer.
Van alle kwaad, verlos ons, Heer.
Van alle zonden,
Van alle ongetrouwheid,
         <
Van het overtreden uwer ge- &
boden,                                8
Van het versmaden uwer gif- g
ten,                                   f
Van het verzuimen der heilige #
zaken,                                g
Van den eeuwigen dood,         *
Door uwe almagt,
-ocr page 177-
ALLERH. DRIEVULDIGHEID. 171
Door uwe wij sheid, verl. ons, Heer.
Door uwe oneindige goedheid, ver-
los ons, Heer.
Door uw geduld en laugnioedig-
heid, verlos ons, Heer.
Wij zondaren, wij bidden U, ver-
hoor ons.
Dat wij U, den waarachtigen
God, altijd en overal belij- ^
den mogen,
                        e:
Dat wij U, één in drievuldig" gü
heid, en drievuldig in één- S
heid, aanbidden,
                 §
Dat Gij ons wilt vergunnen U cj
van ganscher harte te be- *
minnen,
                              »
Dat Gij het volk, uwen heiligen 3*
naam toegeheiligd, wilt be- ®
waren en zalig maken, 0
Dat Gij de dwalenden tot den g
weg der geregtigheid wilt \'
doen wederkeeren,
Dat Gij aan alle overledenen de
eeuwige rust wilt geven,
-ocr page 178-
172           LITANIE TOT DE
Dat Gij ons wilt verhooren, wij
bidden U, verhoor ons.
O heilige Drievuldigheid, verlos
ons.
O heilige Drievuldigheid, maak
ons zalig.
O heilige Drievuldigheid, maak ons
levend.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Onze Vader, enz.
v. En leid ons niet in bekoring.
r. Maar verlos ons van den kwade.
Amen.
v. Laatons verheerlijken den Vader,
den Zoon, en den heiligen Geest.
e. Laat ons hen loven en hoog\'
verheffen in eeuwigheid,
v. Gezegend zijt Gij, Heer, in het
firmament des hemels.
r. En lofwaardig, en heerlijk, en
boven alles te verheffen in alle
eeuwen.
-ocr page 179-
ALLERH. DRIEVULDIGHEID. 173
v. Gezegend zij onze God; onze God
zegene ons.
e. En hem moeten vreezen al de
eindpalen des aardrijks.
Laat ons bidden.
Almagtige eeuwige God, die uwen
dienaren gegeven hebt de glorie
der eeuwige Drievuldigheid te ken-
nen, en in de belijdenis van het
waarachtige geloof, de eenheid te
aanbidden in de magt der Majes-
teit: wij bidden U, dat wij, door
de vastheid van ditzelfde geloof,
bevrijd mogen worden van allen
tegenspoed: door onzen Heer Jesns
Christus, uwen Zoon, die met U,
God zijnde, leeft en heerscht, in
eenheid des heiligen Geestes, door
alle eeuwen der eeuwen. Amen.
Ons zegene de goddelijke Majes-
teit en eenige Godheid: de Vader,
de Zoon, en de Heilige Geest.
Amen.
-ocr page 180-
174          LOFZANG TOT DE
LOFZANG
van de heiligen Ambrosius en Augustinus,
tot de allerheiligste Drievuldigheid.
Te Deum Laudamus.
U, o God, loven wij; U, Heer,
verheerlijken wij; U, eeuwige Va-
der, eert de geheele aarde.
U loven alle engelen, hemelen
en alle magten,
De Cherubijnen en Serafijnen
roepen tot U met onvermoeide
stemmen:
Heilig, heilig, heilig is de Heer,
God der heerkrachten !
De hemelen en de aarde zijn vol
van de majesteit uwer glorie.
U looft het heerlijke koor der
Apostelen.
Benevens het lofwaardige getal
der Profeten.
U looft het witblinkend heer
der Martelaren.
-ocr page 181-
ALLERH. DRIEVULDIGHEID. 175
De heilige Kerk over den gehee-
len aardbodem verheerlijkt U.
U, Vader vol van heerlijkheid.
Uweneerwaardigen, waarachti-
g-en en eenigen Zoon.
Met den heiligen Geest, den
Vertrooster.
Gij, Christus, zijt de Koning der
glorie.
Gijzijtdes Vaders eeuwige Zoon.
Toen Gij tot verlossing der men-
schen de menschheid zondt aanne-
men, hebt Gij het ligchaam eener
Maagd niet geschroomd.
Toen Gij den prikkel des doods
overwonnen hadt, hebt Gij den ge-
loovigen het rijk der hemelen ge-
opend.
Gij zit aan de regterhand Gods,
in de glorie des Vaders.
Wij gelooven, dat Gij de toeko-
niende regter zijt.
Daarom bidden wij U, kom uwe
dienaars te hulp, die Gij door
-ocr page 182-
176 LOFZANG TOT DE ALLEEH. ENZ.
uw dierbaar bloed verlost hebt.
Maak dat zij, benevens uweHei-
ligen, met de eeuwige glorie be-
loond worden.
Heer! maak uw volk zalig, en
zegen uw erfdeel.
En regeer en verhef het tot in
eeuwigheid.
Ten allen dagen verheerlijken
wij U.
En loven wij uwen naam, in de
eeuwigheid der eeuwigheden.
Verwaardig U, Heer, ons heden
voor zonden te bewaren.
Ontferm U onzer, o Heer, ont-
ferm U onzer.
Laat uwe barmhartigheid over
ons komen, gelijk wij op U ge-
hoopt hebben.
Op U, Heer, heb ik gehoopt: ik
zal in eeuwigheid niet beschaamd
worden.
•i i i
-ocr page 183-
<-£S;JÖ=_5_ ^EEatSs^EaOBapa^JaQB
*©s>
Litanie voor den Maandag.
VAN DEN HEILIGEN GEEST.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
iïemelsehe Vader, waarachtige
God, ontferm U onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld,
H. Geest, waarachtige God,
H. Drievuldigheid, één God,
Geestder waarheiden wijsheid, O
des verstands en raads, ö;
der sterkte en der weten- |
^ schap,
                            **
| der godvruchtigheid en der ^
o vreeze Gods,
                   §
der liefde, der blijdschap §
en des vredes,
der geduldigheid, goedheid
en goedertierenheid,
12
-ocr page 184-
178          LITANIE VAN DEN
Geest der lankmoedigheid en der
zachtmoedigheid, ontf. U onzer,
des geloofs en der zegenin-
gen,
der sterkte en zuiverheid,
"Ij der ootmoedigheid en voor-
<§ zigtigheid,
des levens en der zaligheid,
der deugden en van ver-
scheidene genaden,         o
kiezer der kinderen Gods, §;
Zuiveraar onzer zielen,           $
Heiligmaker en regeerder der 3
Katholijke Kerk,                  <3
God, doorgronder der harten g
en nieren,                          |
Uitdeeler der hemelsche gaven, ?
Onderzoeker der gedachten des
harten,
Zekere hulp der ellendigen,
Zoetigheid dergenen, die U be-
ginnen te dienen,
Sterkte en moed van allen die
in deugd toenemen,
-ocr page 185-
H. GEEST.                 179
Kroon der volmaakten, ontf. U onz.
Geluk der Engelen,
Licht der Patriarchen,
            O
Inblazing der Profeten,           ö;
Tong en wij sheid der Apostelen, §
Geestelijke wijsheid der Belij- ^
ders,                                  ^
Zuiverheid der Maagden, §
Inwendige zalving aller Heili- §
gen,
Wees ons genadig, spaar ons ,
o heilige Geest.
Wees ons genadig, verhoor ons,
o heilige Geest.
Van alle kwaad en zonde, verlos
ons, o heilige Geest.
Van alle kwelling en bedrog <!
des duivels,                        H.
Van kwaad vermoeden en wan- ®
hoop,                                 §
Van het bestrijden der beken» ?
de waarheid,                      g
Van afgunstonzes naastendeug- F
den,
-ocr page 186-
180           LITANIE VAN DEN
Van verstoktheid des harten en
hardnekkigheid in zonde, ver-
los ons, o heilige Geest.
Van onachtzaamheid en traag-
heid in geestelijke zaken,
Van onzuiverheid des lig-
chaains en der ziel,
Van dwaling en ketterij, <
Van den boozen geest,            &
Van eenen ongelukkigen en §
eeuwigen dood,
                   g
Door uwe eeuwige voortkomsti"
van den Vader en den Zoon, c
Door uwe bovennatuurlijke of
kracht in de menschwording 5
des Woords,
                            <x>
Door uwe nederdaling over C
Christus, bij zijnen doop, g
Door uwe openbaring in de ?*
gedaante-verandering des
Zaligmakers,
Door uwe heilige komst over
de Discipelen,
In den dag des oordeels,
-ocr page 187-
H. GEEST.                 181
Wij zondaars, wij bidden U, ver-
hoor oiis.
Opdat Gij ons alie zouden wilt
vergeven,
Opdat Gij U verwaardigt al de
lidmaten der heilige Kerk le-
veiid en heilig te maken, ^
Opdat Gij alle volkeren dere=::
wereld in het waarachtige Et
geloof vergaderen wilt, S
Opdat Gij ous altijd voorkomen, =
vergezellen en volgen moogt ^
door uwe magtige en krach- ~
tige genade over onzen wil, $
OpdatG ij U verwaardigt ons met p*
eene ongeveinsde eu vurige ©
godsvrucht, en met de gave J
des gebeds te vervullen, 1
Opdat Gij onze gedachten \'
woorden en werken tot U
trekkende, heiligen wilt,
Opdat Gij onze genegenheid
zuiveren, en van alle kwade
wenschen bevrijden wilt,
-ocr page 188-
182          LITANIE VAN DEN
Opdat Gij in ons een zuiver hart
en eenen nieuwen geest wilt
scheppen, wij bidden U, verhoor
ons.
Opdat Gij in ons de deugden van
zuiverheid, ootmoedigheid,
geduldigheid, goedertieren- j§
lieid en versmading der we-e=:
reld versterkt,
                     S
Opdat Gij onze zielen eene waar- &
achtige genegenheid en liefde p
tot God en onze naasten, als cl
ook barmhartigheid en ver- *
giffenis voor onze vijanden g§
gelievet te geven,
               g-
Opdat Gij U verwaardigt onze %
handelingen en ondernemin- ©
gen met licht, raad en goeden S
uitslag te bekroonen,
Opdat Gij ons allen tegenspoed
uit liefde tot U kloekmoedig
laat verdragen,
Opdat Gij in onze ziel eenen
standvastigen en onverzade-
-ocr page 189-
H. GEEST.                183
lijken ijver tot de christelijke
volmaaktheid ontsteekt, wij bid-
den U, verhoor ons.
Opdat Gij U verwaardigt ons ^
inwendigen vrede en gerust- <s:
heiddesgenioedsteverleenen, 2t
Opdat Gij ons in uwe genade tot g-
het einde onzes levens wilt 0
bewaren,
                            5^
Opdat Gij ons onder het getal ^
der uitverkoornen wilt ont- g-
vangen,
                              o
Opdat Gij U verwaardigt ons te 3
verhooren,
                           GO
Geest Gods,
Lam Gods, dat wegneemt de zon-
den der wereld, stort in ons
uwen heiligen Geest,
Lam Gods, dat wegneemt de zon-
den der wereld, zend ons den
beloofden Geest des Vaders.
Lam Gods, dat wegneemt de zon-
den der wereld, geef ons den
goeden Geest.
-ocr page 190-
184          LITANIE VAN DEN
v. Heer! verhoor mijn gebed.
r. Eu iaat mijn geroep tot U komen.
Gebed.
Groote God, aan wien de harten
geopend en de wil en de gedachten
bekend zijn: zuiver die door de
instorting des heiligen Geestes,
opdat wij waardig worden U vol-
komenlij k te beminnen en in eeu-
wigheid te dienen. Amen.
LOFZANG TOT DEN HEILIGEN GEEST.
Veni, Creator Spiritus.
Kom, Schepper, kom o heilige Geest,
Bezoek ons hart, van \'t minst tot \'t meest,
Kom en vervul met \'s hemels kracht,
Onz\' zielen door U voortgebragt.
Gij zijt de trooster hoog geroemd,
En wordt de gave Gods genoemd,
De levensbron, de liefdegloed,
De zalving van het braaf gemoed.
Gij zijt des Vaders regterhand,
De vinger en \'t beloofde pand,
Dat hart en tong zeer rijk begaaft,
En met uw zeven giften laaft.
Geef dat uw licht onz\' ziel bestraal,
-ocr page 191-
H. GEEST.                  185
Eu uwe liefde in \'t harte daal,
En daar zoo zoet en krachtig werkt,
Dat al wat zwak is wordt versterkt.
Verdrijf den vijand van ons af,
Verleen ons vrede in plaats van straf,
Geleid ons langs de regte baan,
Opdat wij alle kwaad ontgaan.
Maak dat ons door U kenbaar zij ,
De Vader en de Zoon daarbij.
En dat wij U, hun beider Geest,
Belijden, dienen, onbevreesd.
Lof zij U, Vader, eere groot;
Lof Zoon, verrezen van den dood;
Lof aan U, die de trooster zijt:
Van nu af tot in eeuwigheid! Amen.
Litanie voor den Dingsdag.
Van den Zoeten Naam Jesus.
Antiphoiie. In den naam Jesus
moeten alle knieën gebogen worden der-
genen, die in den hemel, op de aarde
en onder de aarde zijn.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
-ocr page 192-
186          LITANIE VAN DEN
Jesus, hoor ons.
Jesus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontferm
U onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld,
God, heilige Geest,
Heilige Drievuldigheid, één God,
Jesus, Zoon van den levenden
God,
Jesus, glans des Vaders,
        O
Jesus. luister van het eeuwige g*
licht,                                 |
Jesus, koning der glorie, &
Jesus, zon der geregtigheid, ö
Jesus,ZoonvandeMaagdMaria, ©
Beminnelijke Jesus,
               g
Wonderlijke Jesus,                 ?
Jesus, sterke God,
Jesus, vader van het toekom-
stig leven,
Jesus, verkondiger van Gods
raadsbesluiten,
Allermagtigste Jesus,
Allerverduldigste Jesus,
-ocr page 193-
ZOETEN NAAM JESUS. 187
Allergehoorzaamste Jesus, ont-
ferm U onzer.
Jesus, zachtmoedig en ootmoe-
dig van harte,
Jssus, beminnaar der zuiverheid,
Jesus, onze beminnaar,
Jesus, God des vredes,
Jesus, bron des levens,
Jesus, voorbeeld van alle deug- q
den,                                   £
Jesus, ijveraar voor de zielen, S*
Jesus, onze God,
                    §
Jesus, onze toevlugt,              ^
Jesus, vader der armen,
Jesus, schat der geloovigen, p
Jesus, goede herder,
               
Jesus, waarachtig licht,
Jesus, eeuwige wijsheid,
Jesus, oneindige goedheid,
Jesus, onze weg en ons leven,
Jesus, vreugd der Engelen,
Jesus, koning der Aartsvaders,
Jesus, meester der Apostelen,
Jesus, leeraar der Evangelisten,
-ocr page 194-
188          LITANIE VAN DEN
Jesus, sterkte der Martelaren, ont-
ferm U onzer.
Jesus, licht der Belijders, ontferm
U onzer.
Jesus, zuiverheid der Maagden,
ontferm U onzer.
Jesus, kroon van alle Heiligen,
ontferm U ouzer.
Wees genadig, spaar ons, Jesus.
Wees genadig, verhoor ons, Jesus.
Van alle kwaad, verlos ons, Jesus.
Van alle zonden,
Van uwen toorn,
Van de lagen des duivels, ^
Van den geest der onkuischheid, «
Van den eeuwigen dood,
        c-
Van het verwaarloozen uwer "
ingevingen,                        g
Door het geheim uwer heilige -
menschwording,                  p
Door uwe geboorte,                |
Door uwe kindschheid,
Door uw allergoddelijkst leven,
Door uwen arbeid,
-ocr page 195-
ZOETEN NAAM JESUS. 189
Door uwen doodstrijd en uw lij-
den, verlos ons, Jesus.
Door uw kruis en uwe verla- <
tenheid,
                                 XL
Door uwe smarten,                 »
Door uwen dood en uwe be- §
grafenis,
                           
Door uwe verrijzenis,             ^
Door uwe hemelvaart,            g
Door uwe vreugden,               F
Door uwe glorie,
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons, Jesus.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, verhoor ons, Jesus.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer.
Jesus, hoor ons.
Jesus, verhoor ons.
LAAT ONS BIDDEN.
O Heere Jesus, die gezegd hebt:
vraagt en gij zult ontvangen, zoekt
en gij zult vinden, klopt en u zal
-ocr page 196-
190           LOFZANG OP DEN
geopend worden: stort, wij bidden
er U om, uwe allergoddelijkste
liefde in ons gemoed, opdat wij
U steeds, van ganscher harte, met
woord en daad beminnen en nooit
ophouden U te loven.
Geef, o Heer, dat wij altijd uwen
heiligen Naam vreezen en bemin-
nen; want Gij verlaat dengene niet,
dien Gij bevestigt in uwe liefde.
LOFZANG OP DES ZOETER NAAM JESÜS.
Die den naam des Heeren aanroept, zal zalig
wezen. Bom. 10, 13.
Jesus, die ons hebt gegeven,
Den zoeten troost van \'t eeuwig leven,
Jesus , uwe zoete naam,
Is een ieder aangenaam.
Uw naam komt ons bewegen,
Om daartoe te zijn genegen.
Olie, suiker, honigraat,
Die uw naam te boven gaat,
Alle droefheid, smart en pijnen ,
Moeten voor uw naam verdwijnen ,
Als men slechts op hem vertrouwt ,
Heeft het niemand ooit berouwd,
Zoo men altijd heeft bevonden ,
-ocr page 197-
ZOETEN NAAM JESUS. 191
Als men afkeer heeft van zonden.
Jesus, o uw naam verblijdt
Ons in alle zwarigheid.
In de ziekten en de kwalen,
Kan men er gezondheid halen,
Als men slechts in Jesus leeft,
Die de vreugd des harten geeft,
En uw naam zal ons versterken,
Zoo men vast\'lijk moet bemerken;
Iemand die u niet gelooft,
Is van deze hoop beroofd ;
Al de duivelsche gedachten,
Moeten voor uw naam versmachten,
Als men slechts uw hulpe vraagt,
Heeft men daar nooit van geklaagd:
Ja, schoon men ook was gekomen,
En met wanhoop ingenomen,
Als men uw naam slechts vereert,
Zal men weldra zijn bekeerd.
Alle naauwgezette harten,
Die vervult zijn vol van smarten,
En God nogtans dienen wèl,
Doch beschroomd zijn voor de hel:
Jesus naam zal hen verschoonen,
Als zij zich gehoorzaam toonen;
Al hun hartzeer, smart en pijn,
Zal weldra genezen zijn
Hoop, verzin, wil alles denken:
Niets kan toch hier iemand krenken,
-ocr page 198-
192           LITANIE VAN DE
Die op Jesus naam vertrouwt,
En nimmermeer daarin verflaauwt.
Jesus naam zal zich ontfermen ,
Jesus naam zal ons beschermen,
Jesus naam, die altijd leeft,
En het eeuwig leven geeft,
Jesus, zoete naam, verheven,
Laat ons heel tot hem begeven;
Druk hem diep in ons gemoed,
Want men vindt er alle goed,
Dat wij daar in mogen sterven,
Om den hemel te verwerven j
Jesus, o uw zoete naam ,
Maakt tot alles ons bekwaam,
v. De naam des Heeren zij geprezen.
r. Van nu af tot altijd na dezen.
Litanie voor den "Woensdag.
VAN DE HEILIGE ENGELEN..
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Jesus, hoor ons.
Jesns, verhoor ons.
Hemelsche Vader, waarachtig
God, ontferm U onzer.
-ocr page 199-
H. ENGELEN.               193
God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
God, heilige Geest, ontferm U
onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Maria, koningin der En-
gelen, bid voor ons.
Heilige Michaël,
Heilige Gabriël,                     a
Heilige Raphaël,                    g;
Heilige Serafijnen,                  <
Heilige Cherubijnen,               §
Heilige Troonen,                    "*
Heilige Heerschappijen,           §
Heilige Deugden,                   ,co
Heilige Magten,
Heilige Vorstendommen,
Heilige Aartsengelen,
Heilige Engelen,
H. Engelen, die den hoogverheven
troon des grooten Gods omringt,
Heilige Engelen, die voor God ge-
durig zingt: heilig, heilig, hei-
13
-ocr page 200-
194          LITANIE VAN DE
lig, God der heerkrachten, bidt
voor ons.
Heilige Engelen, die onze duister-
nis vernietigt en onzen geest
verlicht, bidt voor ons.
Die ons de goddelijke dingen
verkondigt,
Die van God tot bewaarders
dermenschen gesteld zijt,
a Die altijd het aanschijn des
^ hem eisenen Vaders aan- 55
g; schouwt,
                         &
H Die u over de bekeering der <
g zondaren verblijdt,
           %
rs Die den regtvaardigen Loth o
2 van de zondaren geschei- S
den hebt,
Die de ladder van Jacob op-
en afgeklommen zijt,
Die de wet Gods op den berg
Sinaï aan Mozes gegeven
hebt,
Die aan de gansche wereld,
bij de geboorte van Chris-
-ocr page 201-
H. ENGELEN.               195
tus, de blijdschap verkondigd
hebt, bidt voor ons.
Heilige Engelen, die Christus in
de wildernis, na zijne veertig»
daagsche vaste, gediend hebt,
bidt voor ons.
Die Lazarus in den schoot van
Abraham gedragen hebt,
Die u in een wit kleed aan
a het graf des Zaligmakers
~ vertoond hebt,
                  OC
|c Die na de verrijzenis van gr
H Christus, met zijne Leer- <
§k lingen gesproken hebt, §
\'S Die Jesusindendagdesoor- c
3 deels vergezellen zult, g
Die de kwaden van de regt-
vaardigen scheiden zult,
Die onze gebeden aan God
opoffert,
Die de menschen in hun
uiterste versterkt,
Die de gezuiverden uit het
vagevuur trekt,
-ocr page 202-
196          LITANIE VAN DE
Heilige Engelen, die door Gods
magt wonderen doet, bidt v. ons.
Die in de rijken en staten
voorzit,
_r Die de heerkrachten in het
jg gevecht verwoest,
§£ Die Gods vrienden uit de g?
p§ gevangenis en andere ge- &
© varen verlost hebt,
         o
•j-p Die de Martelaren in hunne o
2 pijnen vertroost hebt, 0
m Die de Prelaten en Vorsten °
met eene bijzondere zorg
beschermt,
Alle orden en hooge staten der
Engelen,
Van alle ongeluk en gevaar, verlos
ons, Heer.
Van alle ongeloovigheid en kette-
rij , verlos ons, Heer.
Van eenen haastigen en ongeluk-
kigen dood, verlos ons, Heer.
Van de eeuwige verdoemenis,
verlos ons, Heer.
-ocr page 203-
H. ENGELEN.               197
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer.
v. Heer! verhoor mijn gebed.
r. En laat mijn geroep tot Ü komen.
GEBED.
Heer, die door eene wonderlijke
schikking de verscheidene ambten
der Engelen en der menschen ver-
deelt: verleen ons genadig, dat
degenen die U in den hemel altijd
loven en dienst bewijzen, ons in
dit leven beschermen mogen. Am.
LITANIE
VAN DEN HEILIGEN ENGEL-BEWAARDER.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
-ocr page 204-
198          LITANIE VAN DEN
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontf. U onz.
God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
God.heilige Geest, ontferm U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
om term U onzer.
Heilige Maria, Koningin der Enge-
len, bid voor ons.
mijn bewaarder,
mijn vorst,
mijn vermauer,
mijn raadsman,
mijn voogd,
                       
|£ mijn bezorger,                   °*
K mijn vertrooster,                |
g. mijn beminuaar,                 ®
g mijn broeder,                     g
►£ mijn leermeester,                P
mijn herder,
mijn getuige,
mijn helper,
mijn bewaker,
-ocr page 205-
H. ENGEL-BEWAAKDEK. 199
Heilige Engel, mijn voorspreker,
bid voor ons.
Heilige Engel, mijn bestuurder,
bid voor ons.
Heilige Engel, mijn beschermer,
bid voor ons.
Heilige Engel, mijn leidsman, bid
voor ons.
Heilige Engel,mijn verlichter, bid
voor ons.
Wees genadig, spaar ons, lieer.
Wees genadig, verhoor ons, Heer.
Van alle kwaad en zonde, verlos
ons, Heer.
Van den geest der onkuischheid, ^
Van alle zondige bekoring, 3
Vanallegevarenenongelukken, g
Van alle listen des duivels, 0
Van onweder, pest, hongers- g
nood en oorlog,
Van eenen schielijken en on- S
voorzienen dood,                 %
Van de eeuwige verdoemenis,
Wij zondaars, wij bidd. U, verh. ons.
-ocr page 206-
200        LITANIE VAN DEN
Door uwe heilige Engelen, onze be-
waarders, wij bidd. U, verh. ons.
Dat wij onder hunne bescher-
ming van de paden der onge-
regtigheid altijd mogen ver-
wij derd worden,
Dat wij den weg der deugd stand- ^
vastig mogen inslaan en be- Jj
wandelen,
                          ^
Dat wij in alle gevaren naar ziel &
en ligchaam den bijstand on- §
zer heilige Engelen mogen ^
ondervinden,
                       P
Dat wij in ai onze wegen door on- o
zen Engel-bewaarder geleid a
en bestuurd mogen worden, §
Dat wij in het uur onzes doods, *
door onzen heiligen Engel» §
bewaarder versterkt en bij- •
gestaan mogen worden,
Dat onze zielen, in ons afster-
vende, door onze heilige En-
gel-bewaarders opgenomen,
en voor uw goddelijk aan-
-ocr page 207-
H. ENGEL-BEWAARDER. 201
schijn gebragt inogen worden,
wij bidden U verhoor ons.
Dat wij in den hemel den godde-
lijken zang : heilig, heilig, hei-
lig! onophoudelijk met alle En-
gelen mogen zingen, wij bidden
U, verhoor ons.
Jesus, Koning der Engelen, wij
bidden U, verhoor ons.
Lam Gods, dat wegneemt de zon-
den der wereld, spaar ons. Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zon-
den der wereld, verhoor ons, Heer.
Lam Gods,datwegneemtdezonden
der wereld, ontferm U onzer.
ANTIPHOON.
Heilige Engel, mijn bewaarder!
bescherm mij in den strijd, opdat
ik in het verschrikkelijk oordeel
niet verloren ga.
v. Bid voor mij, mijn heilige
Engel-bewaarder.
r. Opdat ik deelachtig mag wor-
den aan de beloften van Christus.
-ocr page 208-
202         LITANIE VAN DEN
Gebed.
Alniagtige, eeuwige God, die
door het genadig besluit uwer on-
uitsprekelijke goedheid, aan alle
menschen, van net begin huns le-
vens af, een en bij zonderen Engel
tot bewaarder van ziel en ligchaam
gegeven hebt: verleen dat ik dien
heiligen Engel, aan wiens bijzon-
dere zorg uwe barmhartigheid mij
bevolen heeft, zoodanig overal en
altoos mag eeren en beminnen, dat
ik door de gunst van uwe genade
en door het schild zijner be-
scherming beschut zijnde, hetaan-
schijn uwer heerlijkheid in het he-
melschVaderland, met hem en al de
andere gelukzalige geesten, eeuwig
moge aanschouwen: door onzen
Heer Jesus Christus, die leeft en
heerscht, in alle eeuwen der eeu-
wen. Amen.
-ocr page 209-
H. ENGEL-BE WAARDER. 203
GEBED.
Tot den H. Engel-bewaarder.
O getrouwe Leidsman, die mij
van God, van hetoogenblik mijner
geboorte af, als beschermer en be-
waarder toegevoegd zijt: welke
dankbaarheid ben ik U niet ver-
schuldigd voor al de zorg, trouw en
liefde, dieGij mij dagelijks bewijst!
Als ik slaap, bewaakt gij mij; als
ik bedroefd ben, vertroost gij mij;
als ik kleinmoedig ben, versterkt
gij mij; als ik in gevaar ben, helpt
gij mij; als ik verlegen en twijfel-
achtig ben, raadt gij mij: gij weer-
houdtmijvanhetkwaad;gij brengt
mij tot het goede; gij wekt mij op
tot boetvaardigheid; gij verzoent
mij met mijnen Heer en God. Ik
lag misschien reeds lang in den af-
grond der hel gedompeld, indien
gij, door uwe tusschenspraak, de
gramschap des oppersten Regters
-ocr page 210-
204 EIJMGEBED TOT DEN
van mij niet hadt afgekeerd. I
bid u, wil mij nimmer verlaten.
Troost mij in tegenspoed, be
scherm mij in gevaar, help mij i
bekoringen, opdat ik door dezelv
nimmer overwonnen worde. Bren
al mijne gebeden en goede wer
ken voor het goddelijk aanschijn,
en maak dat ik na dit vergankelijke
leven het eeuwige mag bezitten.
Amen.
RIJM GEBED TOT DEN H. ENGEL-BEWAARDER.
Om door zijnen bijstand aan de vijf Wonden van
Christus en aan de droefheid van Maria, geilu-
rende ons leven gedachtig, en bij ons afsterven
deelachtig te mogen wpzen.
Zoete Engel, ed\'le wachte,
Die bij dage en bij nachte,
Overal mijn\' ziel bevrijdt,
Tegen \'s duivels list en strijd:
Als de bleeke dood zal naken,
Zult gij mijne ziel bewaken;
Als mijn bange geest, vol schrik,
Geven zal den laatsten snik;
Aan dat uur is \'t al gelegen,
Op het einde van mijn leven,
-ocr page 211-
H. ENGEL-BEWAARDER. 205
Als het tot een scheiden gaat,
En Gods oordeel voor mij staat :
Kom dan, Engel, mij bevrijden,
Wil kloekmoedig voor mij strijden,
Doe mij wel indachtig zijn,
Jesus wonden en zijn pijn.
Waar wij onze hoop op gronden,
Zijn\' vijf openstaande wonden :
Het is Jesus dierbaar bloed,
Dat mij zalig maken moet.
En Maria, vol genaden,
Hoop ik, dat niet zal versmaden,
Mijne zuchten voor mijn\' dood :
Neen, zij troost ons in den nood
Als ik dan den dood zie naken,
En den pijl zie vaardig maken,
Wil ik, eer dat hij mij wond\',
Mij bereiden tot die stonde.
Eer ik in den Heer ontslape,
Wil ik dan twee houten rapen :
O twee houten, o dat kruis,
Is de schroom van \'t helsch gespuis !
Zalig kruis, zoo rijk bepereld,
Groote standaard van de wereld,
Waarop Christus is geplant,
Die vijf wonden openspant :
Zalig kruis, door deez\' vijf wonden ,
Waarop wij onz\' hope gronden,
Altijd toevlugt in den nood!
-ocr page 212-
206 EIJMGEBED TOT DEN
Maar bijzonder in den dood.
Als de adem, als het leven,
Mij op \'t einde gaat begeven,
Als zij, die dan bij mij staan,
Zeggen : \'t is met hem gedaan;
Dan zal ik met vast vertrouwen,
Jesus aan het kruis aanschouwen,
Ik zal met den moordenaar,
Nemen tijd en wonden waar.
\'k Zal hem drukken aan mijn\' harte,
Tot verligting van mijn\' smarte;
Zijn\' vijf wonden zijn alleen,
Troost in droefheid en geween.
Ach ! wat troost zal mij dat geven,
Op het einde van mijn leven,
Als het kruis zal voor mij staan,
En Maria\'s Zoon daaraan.
Jesus, zoo doorwond, doorsteken,
Uit wiens wonden balstms leken;
Die ons zondaars hebt bemind,
Meer dan moeder ooit haar kind.
Zoete Jesus ! vriend der vrinden !
Welk een vlam ging U verslinden,
Toen Gij stierft den bitt\'ren dood:
Ach, uwe liefde is te groot!
Zulk een dood, voor zulke menschen,
Ach, wie had dat durven wenscben !
\'s Vaders Woord en eenig\' Zoon,
Treedt en daalt van zijnen troon,
-ocr page 213-
H. ENGEL-BEWAAKDEE. 207
En neemt aan der wereld zonden,
En betaalt die met zijn\' wonden,
En omhelst de wreedste pijn,
Opdat ik zou zalig zijn.
Zalig, hoop ik, zal ik wezen,
Door uw\' wonden uitgelezen ,
Door uw smarten, door uw bloed :
Geef mij Jesus, \'t eeuwig goed.
Wil de vijand mij bekoren,
Zegt hij dat ik ben verloren ;
Ik zal roepen , dreigt hij mij,
Jesus, Jesus, sta mij bij!
Jesus, in uw open armen,
Vindt een iegelijk erbarmen;
Jesus , mijn Samaritaan,
\'t Is nu tijd mij bij te staan.
.Als mijn leden dan gaan beven,
Als de krachten mij begeven,
Als mijn lippen worden paars,
Als ik houden zal de kaars,
Laaf mij dan met de siropen,
Die uit uwe wonden loopen,
Geef mij in dat bange uur,
Van die dierbre confituur.
O Maria! wil gewaarden,
Laat mij uwer zeven zwaarden,
Uwer bange zielepijn,
In mijn dood deelachtig zijn.
\'t Paradijs dat is gevonden,
-ocr page 214-
208 RIJMGEBED TOT DEN
Door uw droefheid, door zijn wonden,
En ik geef heel onbevreesd,
In zijn wonden mijnen geest.
Gebed.
Leer mij, Engel, dit vereeren,
Overdenken, mediteeren,
En uit aller zielekracht,
Wel doorgronden dag en nacht.
Laat mij nu uw leerkind wezen,
Leer mij ook dit kransje lezen,
Opdat ik, met hart en mond,
Groete zijn vijfvoudige wond.
Ach! dat uit mijn mond ontsprongen
Duizend Cherubijnsche tongen ;
Ach ! dat in mijn\' ziele kwam
Eene Serafijnsche vlam !
Dat de bladen van de boomen,
Dat het riet langs al de stroomen,
Dat het groen ontelbaar gras ,
Ieder een trompetter was;
Opdat zij, met hunne slagen,
Heel de wereld mogten dagen;
Dat ze uw wonden, dat ze uw bloed,
Vielen eiken dag te voet.
Wonden waren dan geen wonden,
Zonden bleven dan geen zonden;
Want dat ware troost in pijn,
En wij zouden zalig zijn.
-ocr page 215-
H. ENGEL-BEWAARDER. 209
Gebed tot den H. Engel-Bewaarder.
Mijn lieve en goedertierene En-
gel, bewaarder van mijn ligchaaui
en van mijne ziel, door God ten
allen tijde tot mijne bescherming
gesteld, en bijzonder in hetuur des
doods: uit misnoegen over mijne
vroegere ondankbaarheden, kom
ik u een vast onherroepelijk voor-
nemen van mijnen dienst opofferen,
belijdende, dat gelijk gij, na Jesus
en Maria, het steunsel mijner hoop
zijt om wel te sterven, gij ook voor-
taan mijn wensch en mijne liefde
zult zijn. Ik verzoek u om eene
weldaad: help mij in het uur des
(loods; en voor al degenen, die
zich vereenigen om dit te verkrij-
gen, neem ik nu voor, u dagelijks
een gebed op te offeren. Ik bid u,
verhoor mij, daar gij mij zoo zeer
bemint; wil mij versterken in dezen
strij d, dewijl mijne zaligheid er van
14
-ocr page 216-
210           GEBED TOT DEN
afhangt; en na dit ellendig leven,
leid mij naar den hemel, dewijl gij
daartoe gesteld zijt als mijn leids-
man. Amen.
Gebed.
Heilige Engel die mijn bewaar-
der zijt, door de schikking van de
goddelijke Voorzienigheid: ver-
licht, bescherm, en leid mij en al
de vereenigden op den weg der ge-
lukkige eeuwigheid; en tot datein-
de, kom ons te hulp in het uur
des doods. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet, en het
Geloof, enz.
BELIJDENIS
van den H. Carolus Borromeus,
tot den H. Engel-bewaarder, om eenen
zaligen dood te verkrijgen.
In den naam der allerheiligste
Drievuldigheid belijd ik, in uwe
-ocr page 217-
H. ENGEL-BEWAARDER. 211
tegenwoordigheid, o heilige Engel
Gods, van in de heilige, katholijke,
apostolijke en roomsche Kerk te
willen sterven, in welke alle Hei-
ligen gestorven zijn, die tot nu ge-
weest zijn, en buiten welke geene
zaligheid te vinden is; verleen mij
dezemeening en dit gevoelen in het
laatste uur des doods, en allen die
met mij in uwe gemeenschap ver-
eenigd zijn.
Ik belijd nog, o mijn lieve En-
gel, dat ik onder uwe bewaring
en bescherming, met een groot ver-
trouwen op uwe hulp van deze we-
reld scheiden wil, met eene volle
en vaste hoop op de barmhartig-
heid van mijnen God. Versla dan
de vijanden mijner zaligheid op
dien oogenblik; ontvang mijne
ziel bij het scheiden uit het lig-
chaam; maak dat Jesus mij na mij-
nen dood genadig zij.
Ik belijd insgelijks, mijn geluk-
-ocr page 218-
212           GEBED TOT DEN
kige Engel, dat ik uit het binnen-
ste mijns harten verzoek deelachtig
te mogen wezen aan het dierbare
bloed mijns Zaligmakers ; dat ik
verzaak aan al mijne vroegere zon-
den, zoo door gedachten, woorden
als door werken; ik vergeef aan al
mijne vijanden; ik wil sterven met
het kruis op mijn hart, om te too-
ncti dat ik al mijne hoop stel op
de verdiensten van hem, die het
met zijn bloed geverwd heeft.
Ik belijd ook, o allergetrouwste
Vriend, die mij in het laatste uur
niet zult verlaten, dat ik, om de be-
geerte die ik heb van naar den he-
mel te gaan, bereid ben alles te
lijden wat aan de goddelijke regt-
vaardigheid believen zal; ik ben be-
reid alles te verlaten, mijne ouders,
vrienden, en mijn ligchaam tot aas
der wormen, om eens te verrijzen.
Zie hier, ik ben bereid om meer
zwarigheid te lijden, vele moeije-
-ocr page 219-
H. ENGEL-BEWAARDER. 218
lijke ziekten,ja de pijnen des vage-
vuurs, tot voldoening voor mijne
schromelijke zonden.
Ten laatste belijd ik, o mijn
allerheiligste en goedertierenste
Leidsman! dat ik u volle magt geef
over den uitersten wil mijner ziel.
Zeg in dien oogeublik aan Jesus,
hetgeen ik misschien niet zal kun-
nen zeggen: dat ik al mijne zonden
verzake, omdat ze hem mishagen;
dat ik ze versmoor in zijn liefde-
rijkhart; dat ik hoop op zijne barm-
hartigheid; dat ik ga sterven, om-
dat hij het zoo begeert; dat ik
mijne arme ziel, en die met mij ver-
eenigd zijn, in zijne handen beveel;
dat ik hem meer dan alle schep-
selen bemin; en dat ik hem in alle
eeuwigheid wil beminnen. Amen.
-ocr page 220-
" SS"* "^i7*\' J"u i \'iT^*^^^^*~C/^ ~?^**\'^Dl"~^~
Litanie voor den Donderdag.
VAN HET HEILIG SAKRAMENT.
Alltiph. O heilige Maaltijd, in
welke Christus genuttigd, de gedachtenis
van zijn lijden gehouden, de ziel met
zegeningen vervuld, en ons het pand der
toekomende zaligheid gegeven wordt.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontferm U
onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
God, heilige Geest, ontf. U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Woord dat vleesch is geworden,
ontferm U onzer.
-ocr page 221-
LIT. VAN HET H. SAKEAMENT. 215
Brood der engelen, ontferm U onz.
Levend brood,
Spijs der ziel,
Voedsel des geestes,
Verzadiging der armen,
Waarachtig paaschlam,
Onbloedige offerande,
Onbevlekte offerande,
               O
Verzoenende offerande,              ^
Zaligmakend slagtoffer,            g
Overheilig offer,                        ^
Geheim des vredes,                  <3
Gedachtenis van Jesus Christus ©
T lijden,
                                    §
V erzoening der geheele wereld, r*
Rantsoen onzer zaligheid,
Onderpand der toekomende
glorie,
Bevestiging der eeuwige liefde,
Onbegrijpelijke verborgenheid,
Schat der goddelijke weldaden,
Overvloedigheid der goddelijke
genade,
Bron van geestelijke vreugde,
-ocr page 222-
216         LITANIE VAN HET
Gedachtenis van de wonderbare
werken Gods, ontferm U onzer.
Geneesmiddel der ellendige
menschen,
Hemelsch hulpmiddel tegen de
zonden,
Hulp der stervende menschen, O
Hoop en troost der strijdende %
zielen,                                ®"
Sterke bijstand in den nood, ^
Verborgen schat,
                    d
Allergrootst wonder,               ©
Allerheiligst Sakrament,         §
Allerzoetste maaltij d bij welken S*
de Engelen dienen,
Zuiver ligchaam van Christus,
Waarachtig God en Mensch,
Heer! wees ons genadig, hoor ons,
Heer.
Heer! wees ons genadig, verhoor
ons, Heer.
Van het onwaardig nuttigen uws
ligchaamsen bloeds, verlos ons,
Heer.
-ocr page 223-
H. SAKRAMENT.            217
Van de begeerlijkheid des vlee-
sches, verlos ons, Heer.
Vandebegeerlijkheidderoogen, <
Van de hoovaardij des levens, 3L
Van den geest der onzuiverheid, »
Van alle gevaren der zonden, g
Van den eeuwigen dood,
        «
Door de onmetelijke liefde, met ^
welke Gij dit heilig Sakra- $
ment hebt ingesteld,
            ï*
Door uw allerheiligste vleesch,
hetwelk Gij ons tot spijze geeft,
Door uw dierbaar bloed, dat
Gij ons tot drank schenkt,
Wij zondaren, wij bidden U, ver-
hoor ons.
Dat het Ubelieve, het geloof en de
godvruchtigheid tot het heilig
Sakrament in ons te vermeerde-
ren, wij bidden U, verhoor ons.
Dat Gij ons van alle ketterij en ver-
blindheid des harten wilt ver-
lossen en bewaren, wij bidden
U, verhoor ons.
-ocr page 224-
218         LITANIE VAN HET
Dat Gij onze begeerten tot hemel-
sche dingen wilt verheffen, wij
bidden U, verhoor ons.
Dat Gij ons mildelijk deelach- ^
tig wilt maken aan alle gees- *s
telijke vruchten van dit hei- 2!
lige Sakrament,
                  g.
Dat Gij ons in het uur des doods e
met deze hemelsche spijze c\\
wilt versterken en bevrijden, ~<-
Dat Gij aan de zielen van onze S
broeders, vrienden, weldoe» o
ners, en van alle geloovigen, ^
de eeuwige rust wilt geven, |
Zoon Gods,                            "
Lam Gods, dat wegneemt de zon-
den der wereld, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zon-
den der wereld, verh. ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
-ocr page 225-
H. SAKEAMENT.             219
v. Heer! verhoor mijn gebed.
r. En laat mijn geroep tot U komen.
GEBED.
ö God, die ons onder dit won-
derlijke Sakrament de gedachtenis
van uw bitter lij den hebt nagelaten:
laat ons, bidden wij U, de heilige
geheimen van uw ligchaam en
bloed zoo eeren, dat wij gedurig
de vruchten uwer verlossing in
ons mogen gevoelen. Die leeft en
heerscht, met den Vader en den
heiligen Geest, in alle eeuwen
der eeuwen. Amen.
Groetenis tot het H. Sakrament.
Wees duizendmaal gegroet, mijn\' liefde en
mijn leven,
Mijn Heer, mijn God, mijn Al, voor wien
de duivels beven;
Wees duizendmaal geloofd, o groote Majesteit,
Waarvoor het hemelsch hof staat vol eer-
biedigheid;
Wees vuriglijk bemind, o zoete offeranden,
Waarvoor, vol liefdegloed, de Serafijnen
branden;
-ocr page 226-
220 GROETENIS TOT HET
O Jesus! wees gegroet van mij uw arm kind,
O liefde van mijn hart, o hart dat mij zoo
mint :
Gedoog dat Gij van mij zult worden aan-
gebeden;
Al ben ik flaauw en krank, en vol onwaar-
digheden,
Nogtans zoo hoop ik vast op uw\' barmhar-
tigheid,
Dat mijne liefde niet zal worden afgezeid.
O Jesus, o mijn God ! o bronwei van ge-
naden !
Mijn harte is voor U, wil het toch niet
versmaden :
Maar wees verheerlijkt, o groote Majesteit,
O heilig Sakrament, tot in de eeuwigheid !
Laatste groetenis.
Vaarwel, mijn zoete Lief, mijn Jesus, mijn
Beminde;
Ik ga met groot verlangen, om U haast weer
te vinden;
Vaarwel, mijn Bruidegom! dewijl het »u
zoo zij,
Ontvang den zoeten lof der engelen voor
mij ,
Die Ü op dit altaar aanbidden en begroeten,
En vol eerbiedigheid hier liggen voor uw
voeten.
-ocr page 227-
H. SAKEAMENT.            221
Wees duizendmaal geloofd I Deez\' geesten vol
van vier,
Laat ik hier in mijn\' plaats, terwijl ik ga
van hier.
Wat zeg ik, Jesus zoet! zou ik zoo van U
scheiden,
Zou ik dan ver van U verlaten moeten lijden?
O neen, o Majesteit! ik ga maar voor den
schijn:
Mijn liefde, ziel en hart, zal altijd bij U zijn;
Ik laat mijn hart alhier, mijn liefde daar
beneven,
Om aan uw\' Majesteit gedurig lof te geven.
O heilig Sakrament, o goedheid ongemeen!
Mijn troost, mijn\' vreugd, mijn rust, zijt
Gij, o God alleen;
Blijf in mijne ziel in alle eeuwigheid.
O Jesus, pand van zaligheid!
Wanneer ik U bezit, ben ik gerust;
Want buiten U is niets dat aan mijn harte
lust.
Gebed Tan den II. Thomas van Aquintn, tot het
allerh. Sakrament.
Vertaald naar het Latijn, Adoro te.
\'k Aanbid op \'t nederigst, U, o Godheid!
hier verholen,
Die onder dees gedaante U waarlijk hebt
verscholen.
-ocr page 228-
222 GEOETENIS TOT HET
Mijn hart, U toegewijd, buigt, valt voor
U ter neer;
Want als het U beschouwt, bezwijkt het
gansch, o Heer!
Gezigt, gevoel, noch smaak, noch reuk kan
U hier merken,
Maar door \'t gehoor alleen geloovend moet
men werken,
\'k Geloof\' al wat Gods Zoon, de waarheid
zelf, verklaart,
Wijl niets dit waarheids-woord in waar-
heid evenaart.
Op \'t kruishout wilde alleen uw\' Godheid
zich bedekken,
En hier wil God- en menschheid zaam zich
aan ons oog onttrekken:
Maar echter, ik geloof, \'k belijd ze er bêi
te gaar,
En ik bid, hetgeen toen bad de goede
moordenaar.
Al zie \'k de wonden niet, als Thomas, van
uw lijden,
Gij zijt nogtans mijn God; ik belijd het te
allen tijden.
Geef dat ik meer en meer in U geloove
en hoop,
En dat ikUbeminne in al mijn levensloop..
O groot gedenkpand van des Zaligmakers
sterven!
-ocr page 229-
H. SAKRAMENT.            223
O levend brood, dat ons het leven doet
verwerven!
Vergun dat mijne ziel van U steeds leve,
en smaak
In uwe zoetheid vinde, en altijd naar U
haak.
Algoede Pelikaan! Heer Jesus! wil mij was-
schen,
Mij, die onzuiver ben, toch zuivren in de
plassen
Uws bloeds, waarvan één drup genoeg
is, en kan volstaan,
Om heel de wereld van de zondenschuld
te ontslaan,
O Jesus! dien ik nu, in dees verborgen-
heden
Bedekt aanschouw : ik bid, (verhoor toch
mijne beden)
Geef dat (waar naar ik dorst) ik, ziende
uw\' Majesteit,
Gelukkig zij door \'t zien van uwe heer-
lijkheid.
Geloofd en gezegend zij het allerhei-
ligste Sakrament.
-ocr page 230-
224          GEBED TOT HET
Aandachtig Gebed tot het heilig
Hart van Jesus.
0 waardig pand! o gelukkige
schat! alleraangenaamst deel van
het onsterfelijke ligchaam mijns
Zaligmakers! o allerheiligste Hart
van Jesus, allerzoetste opwekking
mijner godsvrucht! ik aanbid u uit
den diepsten grond en de geheele
kracht mijner ziel; ik verhef u in
al mijne woorden, werken en ge-
dachten, en geef u al de eer van
hemel en aarde. Geef mij het geluk
u te kennen en te beminnen
met zulke liefde, als alle Heiligen
en Engelen hebben gedaan, en
als Jesus zelf u heeft bemind. Ik
beklaag dat ik zoo vele uren, dagen
enjaren van mijn leven heb doorge-
bragt zonder u te beminnen; maar
nu voortaan wil ik u geheel toebe-
hooren, en mijn hart zal niet meer
het mijne, maar het uwe zijn;
-ocr page 231-
H. HART VAN JESUS. 225
daarom verzaak ik van nu af, al
hetgeen U in het allerminst zou
kunnen mishagen. Gelief in mij uwe
woonplaats te nemen, en de be-
schermer mijner zaligheid, de ge-
neesheer mijner krankheid en ge-
breken te wezen. O vurig Hart! o
Hart van liefde! ik steun op u; al
mijn vertrouwen is op u; druk u
zelve zoo diep in mij, dat ik u
nooit moge vergeten en nimmer van
u door eenige ligchamelijke belet-
sels afgescheiden worde. Maar de-
wijl Gij, o Jesus, doorwond zijt ge-
worden, niet alleen voor mij, maar
ook voor alle zondaars en lijdende
zielen in het vagevuur, gelief ook
uw Hart voor hen te openen, uwe
liefde aan hen te betoonen,
hen te verlichten en te vertroos-
ten, opdat zij niet beroofd mogen
zijn van dezen kostelijken schat en
de verdiensten van het dierbaar
bloed, hetwelk Gij uit de heilige
15
-ocr page 232-
226         LITANIE VAN HET
wonde van uw Hart hebt gestort,
eü U alzoo met mij in eeuwigheid
mogen verheerlijken. Dit is hetgeen
ik verzoek, o bloedig Hart! en dezen
mijnen wensch vernieuw ik op alle
oogenblikken van mijn leven, en
wil daarin tot het uur mijns
doods volharden. Amen.
Litanie voor den Vrijdag.
Van het Lijden van Christus.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Jesus, hoor ons.
Jesus, verhoor ons.
Hemelsche Vader, waarachtige
God, ontferm U onzer.
Zoon Gods, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
Heilige Geest, waarachtige God,
ontferm U onzer.
-ocr page 233-
LIJDEN "VAN CHRISTUS. 227
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Jesus, meiiscli geworden lol
onze verlossing,
Jesus, die altijd gedurende uv
leven gewenscht hebt voor
ons te sterven,
Jesus, die door Judas verkocht
en verraden zijt.
Jesus, die in den OÜjfhof voor O
ons in uw gebed ter aarde 5:
nedergevallen zijt,               §
Jesus, die in uwe benaauwd- ^
heid bloed gezweet hebt, C
Jesus, die door uwe vijanden c
gebonden en gevangen zijt, §
Jesus, die door uwe Leerlingen r*
verlaten zijt,
Jesus, die voor den regterstoel
van x^unas en Caïphas ge-
bragt zijt,
Jesus, die eenen kaakslag op
uwe gezegend»\' wang liebt
ontvangen,
-ocr page 234-
228         LITANIE VAN HET
Jesus, die doorvalschegetuigenbe-
schuldigd zijt, ontferm U onzer.
Jesus, wiens oogen toegebon-
den zijnde, in het aangezigt
met vuisten geslagen en be-
spogen zijt geworden,
Jesus, die door Petrus driemaal
verloochend zijt,
Jesus, die als een boosdoener
gebonden naar Pilatus geleid o
zijt,
                                   g
Jesus, die naar Herodes gebragt |
en van hem als een dwaze *
teruggezonden zijt,
              cl
Jesus, die naast Barrabas gesteld §
en ten dood gevraagd zijt, §
Jesus, die voor onze zonden f*
onmenschelijk gegeeseld, ge-
slagen en doorkerfd zijt,
Jesus, die met doornen ge-
krooud zijt,
Jesus, die uit spot met purper
gekleed zijt,
Jesus, die met een riet op uwe
-ocr page 235-
LIJDEN VAN CHEISTUS. 229
doornen kroon geslagen zijt, ont-
ferm U onzer.
Jesus, die voor het volk gebragt
en ter dood gevraagd zijt,
Jesus, die verwezen zijt om den
dood des kruises te sterveu,
Jesus, die metuw kruis beladen
naar de plaats des geregts
gebragt zijt,                       O
Jesus, die op den Calvarieberg e;
van uwe kliederen ontbloot §
zijt,                                   B
Jesus, die aan het kruis verhe- n
ven eu genageld zijt,          g
Jesus, geheel doorwond voor g
ouze boosheden,                  •"*
Jesus, die uwen Vader voor uwe
vijanden gebeden hebt,
Jesus, die met vloeken gelasterd
en bespot zijt,
Jesus, die den goeden moorde-
naar uw rijk beloofd hebt,
Jesus, die Joannes aan uwe Moe-
der tot zoon gegeven hebt,
-ocr page 236-
230         LITANIE VAN HET
Jesus, die uwe verlatenheid be-
klaagd hebt, ontferm U onzer.
Jesus, die met gal en edik ge-
laafd zijt,
Jesus, die gezegd hebt dat de
voorzeggingen uws lijdens
volbragt zijn,
Jesus, die uwen geest in de O
handen uws Vaders bevolen g;
hebt,
                                  |
Jesus, die uit gehoorzaamheid, ^
met uedergebogen hoofde d
gestorven zijt,
                     g
Jesus, wiens gezegende zijde g
met eene lans doorstoken is, F
Jesus, die van het kruis gedaan
en in een nieuw graf begra-
ven zijt,
Jesus, regter der menschen, die
hun de vruchten, die zij uit
uwen dood en lijden getrok-
ken hebben, afvragen zult,
Wees genadig, vergeef ons, Heer.
Wees genadig, verhoor ons, Heer.
-ocr page 237-
LIJDEN VAN CHRISTUS. 231
Van alle kwaad en zonden, verlos
ons, Heer.
Van de eeuwige verdoemenis, <
Door de pijnen uws ligchaams §,
en de droefheid uwer ziel, «
Door uwen dorst, uwe tranen ©
en naaktheid,
                           «
Door uw dierbaar bloed, uw ^
kruis en bitteren dood, %
In den algemeenen dag des oor- ï*
deels,
Wij zondaars, wij bidden U, ver-
hoor ons.
Opdat Gij onze zonden om onze ^
opregte boetvaardigheid ver-
ö:
geven wilt,                                g!
Opdat Gij uwe Kerk bescher- §:
men en vermeerderen wilt, p
Opdat Gij ons de navolging cj
uwer ootmoedigheid en liefde *
wilt verleenen,
                         
Opdat Gij ons van alle kwade F"
gedachten, aanvechtingen g
des duivels en eenen onge- »
-ocr page 238-
232        LITANIE VAN HET
lukkigen dood wilt bevrijden,
wij bidden U, verhoor ons.
Opdat wij ons aan de wereld en
ons zelven versterven, wij bid-
den U, verhoor ons.
Opdat wij waarachtige beminnaars
uws kruises mogen worden, wij
bidden U, verhoor ons.
Opdat wij in het goede mogen vol-
harden, en de hemelsche kroon
verdienen mogen, wij bidden
U, verhoor ons.
Opdat Gij U verwaardigt ons te
verhooren, wij bidd. U, verh. ons.
Lam Gods, dat wegneemt de zon-
den der wereld, spaar ons Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zon-
den der wereld, verh. ons Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zon-
den der wereld, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
v. Heer! verhoor mijn gebed.
e. En laat mijn geroep tot U komen.
-ocr page 239-
LIJDEN VAN CHRISTUS. 233
Gebed.
Heer Jesus, die van den schoot
uws Vaders, uit den hemel op de
aarde gekomen zijt, en voor de ver-
zoening onzer zonden en boosheden
uw dierbaar bloed vergoten hebt:
wij bidden Uootmoediglijk, dat wij
in den dag des oordeels onder het
getal der gelukzaligen mogen
wezen, en uit uwen mond deze
woorden hooren: komt, gezegenden
mijns Vaders.
Amen.
Afsmeeking van den Zegen.
Minzaamste Jesus, die met uit-
gestrekte armen ons tot uwe om-
helzing roept, en met gebogen hoofd
ous den kus aanbiedt: zie, ik nader
tot U, en zoek deze aangebodene
genade; maar ik zal niet loslaten,
tenzij Gij mij gezegend hebt, gelijk
Gij gezegendhebtuwedienstmaagd
d e heilige Hed wigis, U aan het kruis
-ocr page 240-
234 LOFZANG TEE EERE VAN HET
aanbiddende, die Gij inet uwe reg-
terhand, de spijker uitgetrokken
zijnde, hebt gezegend. Amen.
LOFZANG
ter eere en tot gedachtenis van het bittere Lijden
onzes Heeren Jesus Christus.
Des konings standaard komt ten troon,
Het kruis dat blinkt nu helder schoon,
Waar \'t leven aan geleden heeft,
Dat door zijn bloed ons \'t leven geeft.
Die door de lans voor ons gewond,
Maakt door zijn\' wonden ons gezond;
Om ons te ontslaan van onze boet,
Vloeide zijn water en zijn bloed.
Nu is vervuld, wat Jesse\'s zoon
Ons voorzong met een blijden toon :
Door \'t hout zal God het heidendom
Beheerschen als zijn vorstendom.
O boom! versierd heel kostelijk,
Door \'t koningspurper zijt gij rijk;
Want \'t is aan u, dat wordt verleend,
Zoo na te raken \'t êelst gebeent\'.
Gelukkig, o gij waardig hout,
Waaraan een prijs, veel meer dan goud,
Het heel rantsoen van ons geslacht
Aan hing! O weegschaal, groot geaeht;
-ocr page 241-
LIJDEN VAN CHRISTUS. 235
O kruis! onz\' hoop, wij groeten nu
In dezen tijd des levens u;
Vermeerder in uw\' dienaars vree,
Verleen geua de zondaars mêe.
0 heilige Drievuldigheid!
0 Jesus, onze zaligheid!
Die ons uw kruis nu stelt ten toon:
Maak ons deelachtig aan het loon,
En wil de zielen in de pijn,
Ook door uw kruis genadig zijn.
Geef door uw kruis en dierbaar bloed,
Aan hun het eeuwige hemelsch goed. Am.
v. Dit teeken des kruises zal zijn in den
hemel.
r. Als de Heer zal komen om te oordeelen.
GEBED.
O God, die den standaard des
levendmakenden kruises met het
bloed van uwen eenigen Zoon hebt
willen heiligen : vergun dat
zij die in de eere dezes kruises
zich belijden, ook door uwe be-
scherming overal verblijd mogen
wezen; door denzelfden Heer Jesus
Christus, uwen Zoon, die met U
leeft en heerscht, in de eenheid van
-ocr page 242-
236          LITANIE VAN DE
God den heiligen Geest, in de eeu-
wigheid der eeuwigheden.
Bescherm, o Heere, met den eeu-
wigen vrede, ons, die Gij U verwaar-
digd hebt te verlossen door het tee-
ken des heiligen kruises; door
Christus, onzen Heer. Amen.
Litanie voor den Zaturdag.
VAÏ Dl HEILKJE MAAGD MARIA.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontf. U onz.
God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
God, heilige Geest, ontferinUonzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Maria, bid voor ons.
-ocr page 243-
HEILIGE MAAGD MARIA. 237
Heilige Moeder Gods, bid voor ons.
Heilige Maagd der maagden,
Moeder van Christus,
Moeder der goddelijke genade,
Allerreinste Moeder,
Allerzuiverste Moeder,
Ongeschondene Moeder,
Onbevlekte Moeder,
Zeer minzame Moeder,
Bewonderenswaardige Moeder,
Moeder des Scheppers,
              £d
Moeder des Zaligmakers,          **
Allervoorzigtigste Maagd, |
Eerwaardige Maagd,
                 ®
Lofwaardige Maagd,                  §
Magtige Maagd.                           7>
Goedertierene Maagd,
Getrouwe Maagd,
Spiegel der regtvaardigheid,
Zetel der wijsheid,
Oorzaak onzer blijdschap,
Geestelijk vat,
Verheven vat,
Eerwaardig vat,
-ocr page 244-
238          LITANIE VAN DE
Uitmuntend vat van godsvrucht,
bid voor ons.
Geheimzinnige roos,
Toren van David,
Ivoren toren,
Huis van goud,
Ark des verbonds,
Deur des hemels,
Morgenster,
Behoudenis der kranken,         cc
Toevlugt der zondaren,           °*
Troost der bedrukten,             £
Hulp der Christenen,              ®
Koningin der Engelen,            g
Koningin der Patriarchen, j»
Koningin der Profeten,
Koningin der Apostelen,
Koningin der Martelaren,
Koningin der Belijders,
Koningin der Maagden,
Koningin van alle Heiligen,
Koningin zonder vlek ontvangen,
Koningin van den H. Rozenkrans,
Lam Gods, dat wegneemt de zon-
-ocr page 245-
HEILIGE MAAGD MARIA. 239
don der wereld, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zouden
der wereld, verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer. %
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Laat ons bidden.
O God van onuitsprekelijke ge-
nade, dieU niet alleen verwaardigd
hebt een inensch, maar ook een
Zoon des menschen te worden, en
eene vrouw tot uwe Moeder verko-
renhebtopde aarde, die God tot
uwen Vader hadt in den hemel: wij
bidden U, vergun ons dat wij hare
gedachtenis eerbiediglijk mogen
vieren, haar als uwe Moeder eeren,
eu aan hare uitmuntende waardig»
heidootmoediglijkonderdanigzijn;
-ocr page 246-
240           GEBED TOT DE
die U van den heiligen Geest ont-
vaiigen heeft, die IJ als Maagd ge-
baard heeft, en aan wie Gij op de
aarde zelve onderdanig waart. Door
onzen Heer Jesus Christus, die met
den zelfden Vader en den heiligen
Geest leeft en heerscht, God in
alle eeuwigheid. Amen.
Gebed tot de H. Maagd Maria.
O gelukkige Maria en allerlof-
waardigste Maagd, Moeder Gods!
o verhevene Vrouw, van wie de
Schepper van hemel en aarde ge-
boren is! o Maria, wie kan u waar-
dig, en gelijk het behoort, danken
en loven, die met uwe toestemming
aan de verlorene wereld zijt te hulp
gekomen. Ontvang dan mijne oot-
moedige dankzegging zonder even-
redigheid aan uwe verdiensten; en
als gij onze gebeden zult ontvangen
hebben, verontschuldig, door uw
voorbidden, onze schulden : laat
-ocr page 247-
H. MAAGD MARIA.         241
onze gebeden ter uwer kennisse ko-
men, en verkrijg ons de genade van
verzoening. Verontschuldig ons van
de straffen die wij vreezen, daar wij
geen bekwamer verdiensten von-
den, om de gramschap van den Reg-
ter voor ons te verzoenen, dan u,
die verdiend hebt de Moeder van
den Verlosser en Regter te wezen.
Kom dan de ellendigen te hulp,
help de kleinmoedigen, vertroost de
bedrukten, bid voor uw volk; wees
de voorspraak der geestelijken en
religieuzen; bid voor het vrome
vrouwen geslacht, opdat allen uwe
verlichtingenvoorspraakgevoelen,
die godvruchtiglijk uwen naam
vieren; heb mededoogen met de
bedrukte en godvruchtige genegen-
beid der pelgrims van den hemel;
en daar gij u zelve verblijd ziet,
zoo bidden wij u, laat onze tranen
voor Gods oogen komen, en bid
voor ons Hem, die uw eigen Zoon is.
-ocr page 248-
242         GEBEDEN TOT DE
GEBED
van den heiligen Vader Chrysostomns,
tot de heilige Maagd Maria.
Voor de voeten van uwe heilig-
heid, o allerzoetste Maagd Maria,
met hart en ligchaam mij neder-
werpende, bid ik u ootmoediglijk,
dat gij mij leeret bidden en vragen
datgene, wat gij gaarne hoort, en
uw Zoon verhoort. Ik gevoel mij
onwaardig alle genade en barm-
hartigheid. Ik ben niet waardig van
u, o allerzaligste, en van uweii
gezegenden Zoon verhoord te wor-
den. Wil echter daarom niemand
verstooten, die zich wenscht te
beteren; want gij zijt gewend uwe
hand van genade aan Me zuch-
tenden uit te reiken. Wil uw aan-
schijn van mij, arme zondaar, niet
afkeeren, maar aanzie mij genadig
met de oogen uwer barmhartigheid.
Wil mij ,oMoedervolvangenade,
-ocr page 249-
H. MAAGD MARIA.         248
de genade van uwen Zoon niet wei-
geren, noch mij uitsluiten van uwe
goedertierenheid. Wil niet toelaten,
o gelukkigezee-ster,dat ik van den
weg der waarheid afwijke, maar
verlos mij uit de duisternissen der
zonden, door het licht uwer bestu-
ring. Wil mij, o Koningin des
roems, om de hoogheid uwer glorie
niet vergeten, maar wees mijner
krankheid indachtig, en help mij
om de grootheid uwer eer.
De wereld, het vleesch en de
duivel leggen mij listen en lagen
om mij te vangen; het uur des
doods, en het vonnis van den Reg-
ter maken mij beschroomd; ik heb
vele zonden, en geene verdien-
sten: maar gij zijt eene sterke
hulp in verdriet en kwelling; trek
mij van de wereld af, kastijd en
bedwing het vleesch, verdrijf den
vijand, en bevestig in mij het goede
voornemen.
)
-ocr page 250-
244          GEBEDEN TOT DE
Verwaardig u genadiglij k tegen-
woordig te wezen in het uur des
doods: verkeer het vreeselij k von-
nis des Regters in zachtmoedig,
heid, en breng mij tot het zalig
aanzien Gods, en tot het rijk des
roems. Amen.
GEBED
van den heiligen Bernardus, tot de
heilige Maagd Maria.
Wees gegroet, o Koningin van
barmhartigheid,Meesteres derwe-
reld, Koningin der hemelen, Maagd
der maagden, Heilige der Heiligen,
licht der blinden, roem der regt-
vaardigen , vergiffenis der zondaren,
troost der wanhopenden, sterkte
der bezwijkenden, zaligheid der
wereld, spiegel der volmaaktheid!
Maak de genade, welke gij bij God
gevonden hebt, kenbaar aan de
wereld; verkrijg voor de schuldigen
vergiffenis, genezing voor de kran-
i
-ocr page 251-
H. MAAGD MARIA.         245
ken, voor de kleinmoedigeu sterk-
te, voor de bedrukten vertroosting,
voor die in gevaar zijn, hulp en
bijstand. Laat ons door u tot uwen
Zoon naderen, o gezegende Moe-
der, die de genade gevonden hebt,
en die de Moeder van het Leven en
van de zaligheid zijt, opdat Hij ons
door u ontvange, die door u aan
ons gegeven is. Dat uwe heiligheid
bij Hem onze schuld verontschul-
dige, en uwe ootmoedigheid ver-
giffen is verkrijge van onze ijdel-
heid. Dat uwe overvloedige liefde
de menigte onzer zonden bedekke,
en dat uwe vruchtbaarheid ons
eene vruchtbaarheid van verdien»
sten aanbrenge.
O Meesteres, Middelares en onze
Voorspreekster! beveel ons aan
uwen Zoon; en door de barmhar-
tigheid van hem, die deelachtig ge-
^eest is aan onze krankheid en
ellende, dat Hij ons door uwe voor-
-ocr page 252-
• 246          GEBEDEN TOT DE
spraak deelachtig make aan zijne
eer en zaligheid: Jesus Christus, uw
Zoon, onzen Heer, die boven alles
gezegend is, in alle eeuwen. Amen.
GEBED
in den nood tot de allerh. Maagd Maria,
Koningin van den H.
Rozenkrans.
O allerheiligste Maagd en Moeder
Gods Maria! ik N.allergrootste en
onwaardigste zondaar, neem mijne
toevlugt tot u, en met een kinder-
lijk vertrouwen buig ik mijne zon-
dige knieën voor uw heilig beeld.
Met een droevig hart en bedrukt
gemoed, zuchtende, kermende,
weenende en biddende, dat gij, o
verhevenste, nogtans ootmoedigste
Vrouw en medelij dencste Moeder,
mij ellendigste en onwaardigste, op
dit uur in mijne allergrootste be-
naauwdheid wilt verhooren, en dat
gij voor mij eene allerkrachtigste
verzoenster bij God den Vader wilt
I
)
-ocr page 253-
H. MAAGD MARIA.         247
zijn, van wien gij de allerliefste
dochter zijt; en eene gewenschte
voorspreekster bij God den Zoon,
die u niets weigert, want gij zijt
zijne aangenaamste Moeder; en
eene bijstandverwerfster bij God
den heiligen Geest, want gij zijt
zijne waardigste bruid.
Dat gij, o Verhevenste, uit het
hoogste des hemels, met een mede-
lijdend oog niet mijne zonden wilt
aanschouwen, maar mijne be-
naauwdheid; niet mijne verdiende
straffen, maar mijne zwakheid;
niet mijne onwaardigheid, maar
mijne uiterste bedruktheid.Dat gij
mij door uwe sterke hulp wilt be-
houden, die anders moet verloren
gaan; dat gij mij wilt ondersteunen,
die anders moet vallen; dat gij mij
wilt troosten, die van ieder verlaten
zijnde, anders zoude wanhopen.
Ach, allerliefste Moeder! in deze
benaauwdheid,totwie zalik komen
-ocr page 254-
248          GEBEDEN TOT DE
als tot u, gelijk een kind tot zijne
moeder, als de vader vergramd is.
Tot u, die de oorzaak onzer blijd-
schap, de behoudenis der kranken,
de toevlugt der zondaren, de troos-
teres der bedrukten, de hoop der
kleinmoedigen, en de bijstand der
Christenen zijt, tot u allerheiligste
Maagd! zeg ik, gij kunt mij helpen,
gij wilt mij helpen, ja gij moet
mij helpen, door uwe magtige
voorspraak bij uwen lieven Zoon.
Gij kunt mij helpen, want gij zijt
de magtigste naast God; en een
zucht uituw maagdelijk hart voort-
komende voor den zondaar, heeft
meer waarde dan de gebeden van
alle Heiligen.
Gij wilt mij helpen; want gij zijt
vol liefde voor de menschen en
bijzonder voor de zondaren.
Gij moet mij helpen door uwe
heilige gebeden; want dit is u
altijd bevolen.
-ocr page 255-
H. MAAGD MARIA.         249
Gij moetmij helpen, want Moeder
zijnde van uwen lieven Zoon, welke
naar de menschheid onze Broeder
is, zoo zijt gij ook mijne Moeder.
Gij moet mij helpen; want gij
hebt meer anderen, aan mij in
zonden gelijk, geholpen.
Gij hebt voor godslasterende zon-
daars, op het laatste van hun leven,
berouw en leedwezen verkregen.
Gij hebt moordenaars tot bekee-
ring, ja tot heiligheid gebragt.
Gij hebt voor openbare zondares-
sen een zuiver leven verkregen.
Gij hebt uit de klaauwen des
duivels verlost, die, welke zich
aan hem hadden overgegeven.
Gij hebt voor de wanhopenden
vergiffenis, en een vaste hoop
van zaligheid verkregen.
Er is niets, o magtige Vorstin
van hemel en aarde, aan u on-
mogelijk.
Waarom zoudt gij mij, verwor-
-ocr page 256-
250         GEBEDEN TOT DE
peling, dan ook niet helpen? ik ben
van dienzelfden God geschapen,
verlost door hetzelfde dierbaar
bloed; gij zijt zoowel voor mij
als voor anderen tot eene voor-
spraak en moeder gesteld. Uwe
liefde en uwe barmhartigheid is
dezelfde, uw ijver om iemand te
helpenis niet verminderd. Waarom
zoudt gij mij dan ook niet bijstaan?
Gij verstoot geene zondaars, die
u met berouw aanroepen; maar
iedereen, klein en groot, rijk en
arm, regtvaardigen en zondaars,
mogen uwen bijstand verzoeken.
Nooit is het te laat, want Gij zijt
altijd gereed ; altijd staan uwe ar-
men open om zondaars te ontvan-
gen. Alzoo, o Koningin, allerrein-
ste Maagd! mijn vertrouwen op u
stellende, bid ik u ootmoediglijk
om troost, hulp, bijstand, bewa-
ring en verlossing, bijzonder van
deze mijne ellende. N. N.
-ocr page 257-
H. MAAGD MARIA.         251
Ach, aller genadigste Maagd! keer
uwvriendelijk aanschijn niet af van
deze mijne onwaardige gebeden,
maar verhoor ze, bid ik u, hoe-
wel zij het niet verdienen. Laat mij
niet opstaan zonder verhoord te
zijn, noch van u weggaan zonder
troost. Dat u daartoe mogen bewe-
gen alle blijdschappen, die uw
maagdelijk hart gevoelde bij de
boodschap des engels, bij de be-
zoeking uwer nicht Elisabeth, de
geboorte, opdragt en vinding van
Jesus in den tempel. Heb toch me-
delijden met mijne tegenwoordige
droefheid, om al die onuitspreke-
lijke weeën, tranen en verlaten-
heden, die uwe teedere en lijdende
ziel gesmaakt heeft bij het bittere
lijden van uwen lieven Zoon Jesus
Christus, eeuwig verheerlijkt.
Verheug mijn nedergebukt en
geperst hart, door mij te verhooren:
om uwe onuitsprekelijke vreugde,
i
-ocr page 258-
252         GEBEDEN TOT DE
om alle goddelijke vertroostingen,
om alle genade aan u van den he-
mel ingestort. Om al den roem,
waarmede u de allerheiligste Drie-
vuldigheid heeft vereerd, bij de
roem waardige verrijzenis, wonder-
bare hemelvaart en troostvolle
afdaling des heiligen Geestes; bij
uwe opneming ten hemel met ziel
en ligchaam, en verhevenste kroo-
ning. Ik bid en smeek tot u, o
Maria! ik verzoek van harte gehol-
pen te worden, door uwe krachtige
voorspraak. Ik verzoek u dit, door
al hetgeen uw teeder gemoed kan
of mag bewegen; door al de liefde
van Jesus tot u, en van u tot Hem;
ik verzoek u dit, door de gebeden
aller Heiligen, door al den lof
der Engelen , door al den dienst,
die u van de menschen wordt aan-
gedaan, die ooit tot uwe eer ge-
schied is, of geschieden zal; ik
verzoek en bid u dit, met één
-ocr page 259-
H. MAAGD MAEIA.         253
woord, door al hetgeen u aange-
naam is te hooren.
Wil mij, mismoedige, troosten,
en van uwen lieven Zoon verkrij-
gen, dat ik geholpen worde in al-
les wat mij dienstig en nuttig is.
O Maria! ik houd niet op met bid-
den, tot gij mij helpt. Allerheiligste,
allerwaardigste, allerverhevenste,
allerootmoedigste, allermededoo»
genste, allerliefste Moeder! verhoor
mij. Ik loof, ik groet, ik prijs u,
door den mond van allen die u prij-
zen kunnen. Ik wenschu, om God,
alle grootmaking, alle verheffing
en alle eerbewijzing. Dat alle rede-
lij ke schepsels u kennen, beminnen
en dienen, als de waarachtige,
eenige en liefste Moeder van God
den Allerhoogste. Ik verheug mij
over al uwe, zoo geestelijke als
ligchamelijke gaven. En het is mij
van harte leed, dat iemand de u toe-
komende waardigheid verkleine.
\\
-ocr page 260-
254         GEBEDEN TOT DE
Daarom, allerliefste Moeder! gij
die geen gebed, geen smeeken on-
verhoord laat, ik groet u duizend-
maal, u alle goed en alle glorie
toewenschende, die nogtans alles
bezit, en ik verzoek minzaam van
u verhoord te worden.
Waarom vertoeft gij zoo lang,
allertoegenegenste Vorstin? Hou-
den u mijne zonden terug ? o, zij zijn
mij van harte leed, ik veracht en
verzaak ze uit al mijn verstand en
wil. Heb ik u te voren te traag
gediend? zie ik neem mij voor u
al de dagen te dienen, en alles te
doen tot uwen lof.
Aanzie dan mijn zuchtend hart,
de goede genegenheid, die ik tot u
heb. O Moeder der genade! zoude
uw teeder moederhart gedoogen,
dat ik, ellendige, ongetroost bleef;
dat mijne ziel verloren ging, die aan
Jesus, uwen lieven Zoon, zoo veel
bloed gekost heeft? O neen, lieve
/
-ocr page 261-
H. MAAGD MAEIA.          255
Moeder! gij hebt meer liefde tot de
menschen, dan de menschen kun-
nen begrijpen.
Welaan dan, allerbarmhartigste
Moeder ! tot u zucht ik : ontferm
u over mij, allerellendigste zon-
daar; dit wensch ik, en ik zal blij-
ven wenschen, zoo menigmaal ik
mijnen adem haal, alle uren en
oogenblikken, bij dagen en nach-
ten; zoo dikwijls ik dit gebed kan
lezen, in mijn hart overdenken,
of tot u kan zuchten, o Maria !
Allermagtigste en mildste Konin-
gin! aangezien niemand van u te
veel kan vragen, om al het boven-
staande; zoo verkrijg mij door uw
voorbidden een levendig geloof,
eene standvastige hoop, en eeue
volmaakte liefde tot God en tot u,
en tot alle menschen, om God.
Geef mij tranen van liefde en be-
rouw, om voortaan mijne en eens
anders zonden te beweenen, en de
\\
-ocr page 262-
256         GEBEDEN TOT DE
toekomende te mijden. Verkrijg mij
een volmaakt christelijk leven,
gelijk het onbevlekte leven van
uwen lieven Zoon en van u; ver-
krijg mij hulp, genade, bewaring
en bescherming in alle voorvallen
naar ziel en ligchaam: verkrijg mij
de deugd van volharding in het
goede, tot het einde mijns levens.
Verkrijg mij een gelukzalig ster-
ven in uwe beschermende tegen-
woordigheid, en alsdan bid ik u, zoo
mijne verdiensten te kort komen,
dezelve met de uwe aantevullen. Wil
mijne onwetende en vreemde zon-
den, gebrekkige biechten en com-
munien bij uwen Zoon verontschul-
digen; wil de helsche vijanden af-
weren, opdat mijne arme ziel, uit
mijn sterfelijk ligchaam scheiden-
de, in de handen komevanHem die
haar heeft geschapen, en mag rus-
ten in vrede, om u, o allerzoetste
en minzaamste Moeder, altijd te
f
-ocr page 263-
H. MAAGD MAEIA.          257
aanschouwen met uwen liefsten
Zoon, van aanschijn tot aanschijn,
in de gelukkige eeuwigheid. Am.
Gebed tot de heilige Maagd Maria
Koningin van hemel en aarde.
0 Moeder, reine Maagd! ik kome tot u
vlugten,
De oogen rood geschreid, het hart ver-
vuld van zuchten j
Ik val ter aarde neer voor uwe majesteit,
Daar \'k weet dat gij de troost van alle zon-
daars zijt.
Maria, zoete Maagd, en Moeder der ge-
naden !
Verstoot mij niet van u om mijne euvel-
daden ;
De zonden zonder tal, die ik reeds heb begaan,
Benemen mij den moed om tot uw Zoon
te gaan.
Ik ben, o Moeder Gods, en \'t wordt van
mij beleden,
De grootste zondaar, die d\'aarde ooit heeft
betreden;
Ik ben niet waard het zonnelicht te aan-
zien,
Het eeuwig helsche vuur is \'t geen wat ik
verdien;
17
-ocr page 264-
258          GEBEDEN TOT DE
Want mijn ondankbaarheid is zonder tal
noch gronden.
Maar wie toch heeft bij u ooit ongena
gevonden ?
Die ooit maar is gevlugt tot uw genadetroon,
Verzoendet gij terstond met uwen lieven Zoon.
\'k Vrees zijn regtvaardigheid en aldoor-
ziende oogen;
O zoete Moeder Gods! schenk mij toch
mededoogen,
Beweeg toeh, bid ik u, uws Zoons barm-
hartigheid,
Want daaraan hangt alleen mijn gansche
zaligheid.
Indien gij voor mij spreekt, dan zal ik
blijven leven,
Maar als gij mij verstoot, ben ik van God
verdreven:
Maria! \'t staat aan u, wat hebt gij voor met
mij.
Wilt gij mijn voorspraak of tegenspreek-
ster zijn ?
Zult gij bij uwen Zoon voor mij gena ver-
werven ,
Of zult gij mijne ziel ellendig laten sterven ?
O afgrond van gena, waar zou uw\' liefde zijn,
Die gij tot heden toe bewezen hebt aan mij ?
Maria! zijt gij niet de Moeder van het
leven,
-ocr page 265-
H. MAAGD MARIA.          259
De Moeder van dien God, die alles kan
vergeven ?
0 ja! gij zijt nog steeds die medelijdende
Maagd,
Aan wie een rouwig hart, een droeve ziel
behaagt.
Ik hoop en stel dan vast, dat gij, door
Je^\'is wonden,
Zijn dood en dierbaar bloed , vooi alle
mijne zonden
Verwerven zult, gena, en mij in deze smart
B. toonen wilt uw gunst en teeder moeder-
hart.
Dat teeder moederhart. zoo tot den mensch
genegen,
Dat tot barmhartigheid Gods almagt kan
bewegen;
0 teeder moederhart, vervuld van zoetig-
heid,
Geef dat ik u bemin tot in de eeuwigheid.
Amen.
v. In allen tegenspoed en benaauwdheid.
r. Sta ons bij, o Maagd, Moeder van
den Koning der koningen.
-ocr page 266-
260 GEBEDEN TOT MARIA.
GEBED.
0 heilige Maria, onze Vrouw!
ik beveel mij in uwe gezegende
getrouwheid en bijzonder toezigt,
en in den schoot uwer barmhar-
tigheid, heden, alle dagen, en in
het uur mijns verscheidens. Mijn
ligchaam, al mijne hoop en ver-
troosting , al mijne benaauwdheden
en ellenden, mijn leven, en het
einde mijns levens beveel iku; op-
dat, door uwe allerheiligste bemid-
deling en door uwe verdiensten,
al mijne werken mogen geschikt
en bewogen worden naar uwen en
uws Zoons wil. Amen.
->K<-
-ocr page 267-
4E3E8 jts-Süj^\'"^ -0=j^i)fc^?=^S;:Ö\': 1^7C=^=:4^:^;;\'i*
KORTE GETIJDEN
vaa ds Zavea, Weeëi der Heilige Moeiep
Gods Maria.
TE METTEN.
De eerste tvee. Bet zwaard van
Simeon.
Wees gegroet, Maria, vol van ge-
nade, de Heer is met u. Gezegend
zijt gij boven alle vrouwen, en ge-
zegend is de vrucht uws ligchaams
Jesus. Heilige Maria, Moeder Gods!
bid voor ons, zondaars, nu en in
het uur onzes doods. Amen.
v. Heer! Gij zult mijne lippen
open doen.
e. En mijn mond zal uwen lof
verkondigen.
v. God! geef acht op mijne hulp.
e. Heer! haast U om mij te
helpen.
-ocr page 268-
262          GETIJDEN TOT DE
Eere zij den Vader, en den Zooii,
en den heiligen Geest; gelijkhet was
in het begin, nu. en altijd, en in alh
eeuwen der eeuwen. Amen. Allel.
Van Septuagesima tot Pasehen zegt men bij a/Ie
Getijden, in plaats van
Alleluja: Lof zij U,
Heer, Koning der eeuwige glorie.
LOFZANG.
O Maria, waarde Vrouwe!
Ach, wat smart en droeve rouwe
Moest gij voelen in uw harte,
Toen gij Jesus in den tempel,
Hebt gebragt tot een exempel,
Die daar opgeofferd werd;
Als toen Simeon ging spreken :
\'t Zwaard der smart zal eens doorsteken
Heel uw hart. Ach. droevig woord!
Dacht u niet de ziel te ontzinken,
En in tranen te verdrinken,
Die nooit zoo iets had gehoord?
Laat deez\' droeve bittre tranen
Ons ten afstand nu vermanen,
Van de zonde die ons pijnt;
Laat onze ziel toch niet bezwijken,
Maar met deugd en liefde prijken,
Als zij voor Gods troon verschijnt.
-ocr page 269-
H. MAAGD MARIA.         263
Antiph. Bij wien zal ik u verge-
lijken, of wien zal ik aan u gelijk
maken, gij Dochtervan Jeruzalem?
Bij wien zal ik u vergelijken, om
te troosten, gij Maagd, Dochter van
Sion; want uwe verplettering is
zoo groot als de zee. Thren. 2. IS.
v. Uwe ziel zal een zwaard door-
steken.
r. Opdat de gedachten van vele
harten openbaar worden. Luc. 2,35.
Gebed.
Allerzoetste Jesus! die U door de
handen van uwe gezegende Moeder
Maria, aan uwen hemelschen Va-
der hebt laten opofferen, toen de
oude Simeon voorzegd heeft, dat
hare ziel een zwaard zoude door-
steken: ik bid U, o Jesus, dat Gij
mijn hart tot een aangenaam offer
uws Vaders wilt bereiden, en mij,
door deze smart van uwe gezegende
Moeder, de genade wilt verleenen,
-ocr page 270-
264          GETIJDEN" TOT DE
dat ik de moeijelijkhedea van dit
droevige leven geduldig moge dra-
genen standvastig overwinnen: die
leeft en heerscht, met God den Va-
der en den heiligen Geest, in alle
eeuwen der eeuwen. Amen.
TE FRIMEN.
De tweede Wee. De vluqt naar Egtjpte.
Wees gegroet, Maria, vol van
genade, enz. pag. 261.
v. God! geef acht op mijne hulp.
e. Heer! haast U om mij te
helpen.
Eere zij den Vader, enz.
Lofzang.
Staat beschaamd , gij hemellieden,
Want uw Schepper die moet vlieden,
Naar het woest Egypteland;
Josef zoekt de beste paden,
Want Maria heeft geladen,
\'s Hemels schat en waardste pand.
Nu begint het zwaard te snijden :
Wat een\' droefheid, druk en lijden
Hebt gij in uw ziel ontvaan.
-ocr page 271-
H. MAAGD MAEIA.          265
ö Maria, maagd en moeder!
Heb geen zorg : d\'Albehoeder
Hebt gij in uw schoot gelaan.
Laat deez\' vlugt ons altijd leeren ,
Om van \'t zondenpad te keeren,
En te vlugten al het kwaad,
Dat oos kan ter helle leiden,
Opdat wij den weg bereiden,
Die regt naar den hemel gaat.
Antiph. Aanzie, Heer, hoe ik
verdrukt word : mijn ligchaam is
geheel ontsteld, mijn hart is omge-
keerd in mij zelve; want ik ben vol
bitterheid; buiten moordt het
zwaard, en te huis is insgelijks de
dood. Thren. 1, 20.
\\. Heer! tot U zijn al mijne
begeerten.
e. En mijne zuchten zijn voor U
niet verborgen. Ps. 37. 9.
Gebed.
O allerzoetste Jesus, dieU van uwe
gezegende Moeder en allergetrouw-
sten Voedstervader (om de ver-
volging van Herodes te ontkomen
-ocr page 272-
266          GEBEDEN TOT DE
door het verlaten uws vaderlands)
tot in Egypte hebt laten dragen, en
aldaar Ü ootmoediglijk hebt opge-
houden : leid mij altijd in de wegen
der geregtigheid, eu bewaar mij
voor alle listige lagen des boozen
vijands. Geef mij ook, door deze
smart van uwe waarde Moeder,
de genade,dat ik geduldig volgens
haar voorbeeld, mijne ellenden
drageenom uwentwil gaarne alles
verlate; opdat ik, o Jesus,U alleen
in eeuwigheid moge bezitten. Die
leeft en heerscht, met God den Va-
der en den heiligen Geest, in alle
eeuwen der eeuwen. Amen.
TE TEBTrEN.
De deinde Wee. De vei\'liezing haars
Zoons, toen hij twaalf jaren oud was.
v. God! geef acht op mijne hulp.
r. Heer! haastUommij tehelpen.
Wees gegroet, enz. pag. 261.
Eere zij den Vader, enz.
-ocr page 273-
H. MAAGD MARIA.           267
LOFZANG.
Ach ! wat wee, wat droevig lijden,
Kwam, helaas, uw hart bestrijden,
Zuivre Moeder, toen uw Kind
Wel drie dagen was verloren,
Dat gij , na langdurig sporen,
Weder in den tempel vindt,
Waar hij, aan de Joodsche scharen,
Bezig was om te verklaren,
Zware zaken van de wet,
Waarvan hun verwarde zinnen,
Zoo van buiten als van binnen,
Nooit iets hadden opgelet.
Laat ons uit dit wee opmaken,
Onzen God nooit te verzaken,
Maar te planten in ons hart;
God te zoeken met verlangen,
En gestadig aan te hangen,
Dat bevrijdt onz\' ziel van smart.
Antiph. Weenende heeft zij de
nachten doorgebragt, met tranen
op hare wangen : daar is niemand
die haar troost van hare vrienden.
Thren. 1. 2.
v. Hij heeft mij troosteloos ge-
maakt.
-ocr page 274-
268          GETIJDEN TOT DE
e. Den gansenen dag met droef-
heid overladen.
Gebed.
Eeuwige Wijsheid en Woord des
hemelscnen Vaders, Jesus Christus,
die uwe ouders en vrienden hebt
verlaten, omtetoonen hoe hoog Gij
de leering uws Vaders acht, en om
die aan de menschen te verkon-
digen : geef mij eenen bijzonderen
ijver om uw goddelijk woord altijd
te volgen en te gehoorzamen, opdat
ik van U niet verworpen worde ,
maar door de droefheid van uwe
lieve Moeder de genade verwerve,
dat ik U met opregt berouw en ware
boetvaardigheid altijd zoeke, ein-
delijk vinde, en mij in liefde met
U verbinde, om mij in eeuwig-
heid met U te verblijden. Die leeft
en heerscht, met God den Vader
en den heiligen Geest, in alle eeu-
wen der eeuwen. Amen.
-ocr page 275-
H. MAAGD MARIA.          269
TE SEXTEN.
De vierde Wee. De ontmoeting van
Jesus, dragende het kruis.
Wees gegroet, Maria, vol van
genade, enz. pag. 261.
v. God! geef acht op mijne hulp.
r. Heer! haast U om mij te helpen.
Eere zij den Vader, enz.
Lofzang.
Droeve Moeder! wil nu klagen :
Zie, uw waarde Zoon moet dragen,
Om onzentwil het schandig kruis.
Hoor hem zuchten, hoor hem stenen,
Al zijn glorie schijnt verdwenen
En verdrukt van \'t Joodsch gespuis.
Kunt gij nu nog de aard\' betreden?
Ach, uw teedre zuivre leden,
Beven van verslagenheid!
Hij, die alles heeft geschapen,
En ons uit het niet kwam rapen,
Werd als dief ten dood geleid.
Christen-ziel, wil hieruit leeren,
Dat de vreugd kan wederkeeren,
Door een kruis, tot beternis;
Eu wat wij ook doen of maken,
-ocr page 276-
270          GETIJDEN TOT DE
Nooit Gods wetten te verzaken,
Die ons geeft vergiffenis.
Antiph. Heer! aanzie mijne kwel-
lingen, want mijn vijand is opge-
staan: de vijand heeft zijne nan-
den geslagen aan al mijne klein-
moedigen. Thren. 1, 10.
v. Wie zal mijn hoofd water
geven, en mijne oogen eene bron
van tranen?
e. En ik zal dag en nacht wee-
Iien. Jerem. 9.
Gebed.
O geduldigste Jesus, die om onze
zonden zijt gevangen, en als een
misdadige van Annas tot Caïphas,
en van Pilatus tot Herodes zijt ver-
zonden, bespot, gegeeseld, gesla-
gen, met doornen gekroond , en
eindelijk met het zware kruis be-
laden,ennaardenbergvanKalvarië
geleid: wilde zware banden mijner
zonden ontbinden, om welke ik
-ocr page 277-
H. MAAGD MARIA.           211
zucht en klaag". Verleen mij. door
deze droefheid van uwe bedrukte
Moeder, dat ik hier mijn kruisen
de verdiende straf zoo drage, dat
ik van de eeuwig-e straf mag ver-
lost worden. Die leeft en heerscht,
met God den Vader en den heiligen
Geest, in alle eeuwen der eeuwen.
Amen.
TE NONEN.
De vijfde Wee. De kruisiging van
Christus.
Wees gegroet, Maria, vol van
genade, enz. pag. 261.
v. God! geef acht op mijne hulp.
r. Heer! haast U om mij te
helpen.
Eere zij den Vader, enz.
Lofzang.
Gulden zon, houd op te schijnen,
Zilvren maan, laat toch verdwijnen
Al uw glans en helderheid :
Nu de groote Heer der FJeeren,
-ocr page 278-
272          GETIJDEN TOT DE
Wie 11 de hemellingen eeren,
Zich voor ons ten dood bereidt.
Nu is \'t tijd om luid te weenen,
Om te zuchten en te stenen:
ö Maria, vol van druk!
Want de Schepper van het leven
Heeft den droeven geest gegeven
Aan het kruis, tot ons geluk.
Wees ons, zondaars, toch gedachtig
Bij uw Zoon, bij God almagtig,
Die de Vader is van al:
Dat wij, door zijn dierbaar sterven,
\'t Eeuwig leven eens beërven,
Als onze ziel verschijnen zal.
Antiplu O gij allen die voorbij
gaat langs den weg; bemerkt en
ziet of er eenige pijn is, gelijk
mijne pijn. Thren. 1. 72.
v. Allen die voorbij gingen langs
den weg, hebben over u de han-
den zamen geslagen.
r. Zij hebben gespot en hun
hoofd geschild over de Dochter
van Jeruzalem. Thren. 5. 15.
GEBED.
ö Lam Gods! verzoenende offer-
-ocr page 279-
H. MAAGD MAETA.         273
ande voor geheel het menschelijk
geslacht, Jesus Christus, die, uit
deze wereld scheidende, ons aan
uwe bedrukte Moeder als kinderen
hebt bevolen, en na al uw lijden
uwen geest aan uwen hemelschen
Vader hebt overgegeven: ik bid U,
o Jesus, uit alle krachten mijner
ziel, door de onuitsprekelijke
droefheid die uwe Moeder toen
gevoelde, dat Gij mij in mijnen
luatsten strijd sterkte wilt verlee-
uen, om alle listen en bekoringen
des vijands te overwinnen; opdat
ik met geloof, volkomene hoop en
brandende liefde uit dit leven
scheide, en in uwe handen mijne
ziel bevele. Die leeft en heerscht,
met God den Vader en den heili-
g\'en Geest, in alleeeuwen der eeu-
wen. Amen.
is
-ocr page 280-
274         GETIJDEN TOT DE
TE VESPEREN.
De zesde Wee. De afneming van
het kruis.
Wees gegroet Maria , vol van
genade, enz. pag. 261.
^ v. God! geef acht op mijne hulp.
e. Heer! haast U om mij te helpen.
Eere zij den Vader, enz.
LOFZANG
Weder droefheid, lieve Moeder!
Treur, uw Kind, de Albehoeder,
Ligt mishandeld op uw schoot.
Ach! hoe kan uw ziel het dragen,
Dat gij voor u ziet verslagen
Den Verwinnaar van den dood!
Wasch, ach, wasch zijn roode wonden,
Die hij enkel om onz\' zonden,
Aan het kruis heeft ondergaan;
Om \'t verdoolde schaap te halen,
En de schuld gansch te betalen,
Die door Adam was begaan.
Laat ons tot die Moeder vlugten,
Tot haar bidden, tot haar zuchten,
Dat zij nooit in tegenspoed,
Christus kerke wil verlaten,
-ocr page 281-
H. MAAGD MARIA.          275
Maar steeds wezen, te onzer baten,
Als zij deed aan \'t Eeuwig goed.
Antiph. En heet mij uiet Noëmi
(dat is schoone), maar noem mij
.ïïara (dat is bittere); want de
Almagtige heeft mij met bitter-
heden vervuld. Ruth. I. 70.
v. Mijn beminde is een doekje
vol mirrhe.
r. In mijnen boezem zal hij rusten.
Gebed.
O allerootmoedigste Jesns, wiens
ügchaam, van het kruis afgenomen,
in de armen en den schoot van uwe
bedrukte Moeder is ontvangen: a ch!
verleen mij, door de oiiuitspreke-
lijke droefheid, welke uwe bedrukte
Moeder gevoelde, dat ik uw heilig
ligchaam in het heilig Sakrament
des Altaars altijd met behoorlijke
eer en liefde moge ontvangen, en
wil mij met deze spijze der zielen
in alle benaauwdheden en tegen-
-ocr page 282-
276         GETIJDEN TOT DE
spoed (voornamelijk in het uur
mijns doods) versterken, om U in
alle eeuwigheid te bezitten. Die leeft
en heerscht, met God den Vader
en den heiligen Geest, in alle eeu-
wen der eeuwen. Amen.
TE COMPLETEN.
De zevende Wee. De begraving van
Christus.
Wees gegroet Maria, vol van
genade, pag. 261.
v. Bekeer ons, God, onze Zalig-
maker.
e. En keer uwe gramschap van
ons af.
v. God! geef acht op mijne hulp.
e. Heer! haast U ommij te helpen.
Eere zij den Vader, enz.
Lofzang.
Nieuwe droefheid, nieuwe tranen,
Komen in uw hart weer banen
Eenen weg vol zwaar verdriet:
\'t Een verdriet is niet verdwenen,
-ocr page 283-
H. MAAGD MARIA.          277
Of een ander is verschenen;
Zoo men aan Gods Moeder ziet.
Wil den druk een weinig staken,
En uw hart in rust vermaken,
O Maria, laat wat af!
Neen, geen troosting kan haar laven,
Als zij Jesus ziet begraven,
In het nieuw gehouwen graf.
Nu voor\'t laatste, o waarde Vrouwe,
Door de droefheid, angst en rouwe,
Die u hier schier overmant;
Geef dat wij, uwe arme slaven,
Onze zonde door deugd begraven,
Opdat \'t hart in liefde brandt.
Antiph. Daarom ben ik weenen»
de, en mijne oogen tranen voort-
brengende; want de trooster is
verre van mij, die mijne ziel ver-
kwikt. Thren. 1.
v. Mijne oogen zijn besproeid
met tranen.
r. En mijn binnenste is heel
ontsteld. Thrm. 2. 11.
GEBED.
O barmhartige Jesus, wiens lig-
chaam, door Josef van Arimathea,
-ocr page 284-
278          GETIJDEN TOT DE
iu eeiien schoonen doek gewonden
en in een nieuw graf geborgen is,
zoodat uwe bedroefde Moeder
zonder U, haren eenigen troost,
naar huis heeft moeten gaan : wil
o Jesus. deze en alle andere smar-
teu uwer allerheiligste Moeder ge-
denken, en mij verleenen, dat ik
U altijd in een zuiver hart ontvan-
gen mag; en al werd ik van alle
menschen verlaten, mij alleen in U
en uwe gezegende Moeder mag
troosten. Wil ook, o Jesus, in mijn
harteen gedenkteeken laten, gelijk
uw ligchaam in den doek gedaan
heeft, opdat Gij nooit uit mijn hart
en gedachten gesloten wordt: die
leeft en heerscht, met God den
Vader en den heiligen Geest, in
alle eeuwen der eeuwen. Amen.
GEBED.
O Koningin der Martelaren, die
het zwaard des lijdens (gelijk de
heilige Sinieon in den tempel had
-ocr page 285-
H. MAAGD MARIA.          279
voorzegd) in uwe ziel met de groot-
ste smart, doch met het grootste
geduld en liefde, bij het lijden van
uwen allerheiligsten Zoon (inzon-
derheid bij zijn sterven aan het
kruis) hebt gevoeld : ik bid u, laat
de punt van dit zwaard mijn hart
doorsteken en doorwonden, opdat
ik alzoo de oneindige smarten uws
Zoons, en uwe allergrootste droef-
heid in mijne ziel mag gevoelen,
om mij daarna met u te verblijden
in de eeuwigheid. Amen.
De Treurzang Stabat Hater dolorosa.
Verlossers Moeder, droef te moede,
Stond bij \'t kruis, daar haar bebloede
En doorvvonde Zoon aan hing,
Door wier ziel, terwijl zij steende,
Zuchtte, klaagde, kermde, weende,
\'t Zwaard van druk en smarte ging.
Ach! hoe droevig, hoe vol rouwe,
Was die zegenrijke Vrouwe,
Moeder van Gods eenigen Zoon j
Zij, die met benaauwden harte,
Bevend aanzag al de smarte
Van haar vrucht, bij God zoo schoon!
-ocr page 286-
280          GETIJDEN TOT DE
Wie zou zich in tranen mijden,
Ziende in zulk een bitter lijden,
Christus waarde Moeder; ach !
Wie toch zou zich niet bedroeven,
Zoo hij haar dien weedom proeven,
Om den Zoon, zoo angstig zag.
Om zijns volks, om aller zonden,
Zag zij Jesus vol van wonden,
Geeselstriemen zonder tal;
Zij zag haren Zoetgeboren
Sterven, nadat hij te voren
Zijnen geest aan God beval.
Ach, o Moeder, bron van liefde!
Of gij ook mijn hart doorgriefde!
Maak dat ik ook met u klaag;
Wil mijn dorre hart aanranden,
Doe \'t in Christus liefde branden,
Dat ik mijnen God behaag\'.
Heilige Moeder! druk te zamen
Al de wonden, al de stramen
Oes Gekruisten in mijn hart.
Laat mij zoo veel treurtooneelen,
Zijne wonden met u deelen :
Voor mij leed hij al die smart.
Dat ik waarlijk met u stene,
En om den Gekruisten weene,
Zoo lang als ik leven zal;
Ja, laat mij met u staan schreijen,
En gewilliglijk verbeijen ,
-ocr page 287-
H. MAAGD MARIA.           281
Onder \'t kruis en overal.
Maagd der maagden , uitgelezen!
Wil mij nu niet bitter wezen,
Maak dat \'k met u ween en zucht.
Laat ik in mij, al mijn\' dagen ,
Christus dood en wonden dragen,
Die gedenken steeds met vrucht.
Maak dat ik in zijne wonden,
In zijn kruisdood zij verslonden;
Om de liefde van uw\' Zoon,
Wil mij in Gods liefde voeden,
Reine Maagd , en mij behoeden
In het oordeel, voor Gods troon.
Dat alsdan het kruis mij dekke,
Christus dood ten schild verstrekke,
En hij mij genn bewijz\';
Maak, als \'t ligchaam af zal sterven,
Dat mijn ziel, hierna moge erven
De eeuwige vreugd van \'t Paradijs.
GEBED TOT MARIA.
Bij wien zal ik u vergelijken, of
aan wien zal ik u gelijk maken, gij
Dochter van Jeruzalem? wien zal
ik bij n vergelijken, om u te troos-
ten, gij Maagd, Dochtervan Sion?
want uwe verplettering is grooter
dan de zee. Thren. 1, 13.
-ocr page 288-
282 GETIJDEN TOT DE H. MAAGD.
Uwe ziel zal een zwaard door-
steken , opdat de gedachten veler
harten openbaar worden. Luc. 2.
In allen druk en benaauwdheid,
kom ons te hulp, o allerheiligste
Maagd Maria!
GEBED.
O allerheiligste Maagd Maria! ik
bid u, door het bitter lijden en de
overgroote droefheid, die uit uw
hart als een bron kwam opwellen,
toen gij met uwe moederlijke ar-
men het doode ligchaam van uwen
gezegenden Zoon omhelsdet; toen
gij zijn goddelijk aangezigtzoo ont-
eerd zaagt door de fluimen, zoo
bleek van den dood, zoo blaauw van
de slagen: wil on s de genade ver wer-
ven, dat wij ook met een rouwhar-
tig leedwezen onze zonden, die de
wonden onzer ziel zijn, mogen be-
weenen; opdat wij, scheidende uit
dit leven, mogen genieten de vrien-
-ocr page 289-
DE H. ROZENKRANS.       283
lijke en zalige omhelzingen van
uwen allerzoetsten Zoon Jesus
Christus, onzen Heer. Amen.
MANIER OM GODVRI CHTICLIJK
den Rozenkrans van den allerheiligsten
Naam Jesus te lezen.
Maak eerst het teeken des H. Kruises.
Antiph. O Rex gloriose.
O Jesus! roemwaardige Koning
onder uwe Heiligen, die altijd prijs-
baar zijt en nogtans onuitspreke-
lijk: Gij zijt in ons, Heer Jesus, en
uw heilige Naam is door ons aan-
geroepen. Verlaat ons niet, Jesus,
onze God, maar verwaardig U ons
in het laatste oordeel onder uwe
Heiligen en uitverkorenen te stel-
len; o roemwaardige en gezegende
Koning Jesus!
v. Maak den Heer Jesus groot
in mij.
-ocr page 290-
284 DE H. .ROZENKRANS.
r. En laat ons zijnen heiligen
naam verheffen.
O Heere JesusChristus, Zoon van
den levenden God, aan wien God.
de Vader almagtig, eenen naam ge-
geven heeft die boven alle namen
is, opdat in den naam Jesus alle
knieën zouden gebogen worden :
wij bidden U, wil ons geven eene
zalige vrees en brandende liefde
totdezen uwen heiligen Naam; op-
dat wij dien altijd met woorden eu
werken zoo eeren op aarde, datwij
door de kracht der geheimen van
den heiligen Rozenkrans van den
heiligen Naam Jesus, met onze me-
debroeders en medezusters, mogen
ontvangen de volheid der blijdschap
in den hemel. Die leeft en heerscht,
door alle eeuwen der eeuwen. Am.
Zeg na het Geloof een Onze Vader,
ter eere van den eeuwigen Vader van
Jesus; daarna drie Wees gegroet,
groetende Maria als Moeder van
-ocr page 291-
DE H. ROZENKRANS.         285
JeSUS, zoon van David, als Moeder
can
JeSUS, Koning der Joden, en als
Moeder van denzelfden
JeSUS, Zoon
van den levenden God. Dan bidt men
den Rozenkrans van
JeSUS, overden-
kende de geheimen onzer vei^lossing, het
leven, lijden en den roem van
JeSUS ,
zeggende voor ieder tientje met hoofd-
buiging :
v. Jesus Naam moet zijn geprezen.
r. Van nu af tot altijd na dezen.
Na ieder tientje moet men zeggen :
Eere zij den Vader, den Zoon, enz.
Vijf blijde Geheimen.
1. De Boodschap des Engels. 2. De
heilige geboorte van Jesus. 3. De
heilige besnijdenis van Jesus. 4. De
vinding van Jesus in den tempel.
5. De heilige doop van Jesus.
Ter eere van de vijf blijde geheimen ,
bidt men vijf tientjes; bij het overdenken
dezer geheimen, zegt men :
JeSUS
-ocr page 292-
286        DE H. ROZENKRANS.
Christus, zoon van David, ontferm
U over ons.
Vijf droevige Geheimen.
1. Het wasschen van de voeten der
Apostelen door Jesus. 2. Het gebed
van Jesus in het hofje. 3. De gevan-
genneming van Jesus door de Jo-
den. 4. De kruisdraging van Jesus.
5. Het barmhartige nederdalen
van Jesus ter helle.
Ter eei^e van de vijf droevige gehei-
men, bidt men wederom vijf tientjes, en
zegt men :
Jesus van Nazareth, Koning
der Joden, ontferm TJ onzer.
Vijf roemwaardige Geheimen.
1. De verrijzenis van Jesus. 2. De
zegevierende hemelvaart van Je-
sus. 3. De afzending des heiligen
Geestes door Jesus. 4. De krooning
van Maria door Jesus. 5. De komst
van Jesus ten oordeel.
Ter eere van de vijf roemwaardige
-ocr page 293-
DE H. EOZENKEANS. 287
geheimen, bidt men wederom vijf tien-
tjes, en zegt men :
JeSUS Christus,
Zoon van den levenden God, ontferm
Ü onzer.
Na iederen Rozenkrans van vijf
tientjes, of wel na den geheelen Ro-
zenkrans van vijftien tientjes, leest of
zingt men den Lofzang :
JESU, DTJLCI8 MEMORIA.
Jesus, uw gedachtenis,
Die onze roem en vreugde is;
Doch uwe tegenwoordigheid,
Is de hoogste zoetigheid.
Blijder zang bestaat er niet,
Het oor hoort geen zoeter lied,
\'t Hart geen grooter liefde kenl,
Dan Gods Zoon in \'t Sakrament.
Neen, geen tong die het kan zeggen,
Geen geschrift dat \'t uit kan leggen,
Welke zaligheid men vindt,
Als men Jesus vurig mint.
Wil mijn koud verstand ontweken,
\'t Hart in liefdegloed ontsteken,
Dat ik, vol van liefde en min,
Alles doe naar uwen zin.
Nu mijn troost in leed en pijn,
Eens zult gij mijn looner zijn,
-ocr page 294-
288        DE H. EOZENKEANS.
Als gij, vol van Majesteit,
Heersenen zult in eeuwigheid. Amen.
v. Help ons , God, onze Zaligmaker.
r. En om de eere uws naams,
Heer Jesus, verlos ons.
Gebed.
O God, die den roemwaardigen
Naam van uwen eeniggeboren Zoon,
onzen Heer Jesus Christus, door
eene zeer groote zoetigheid aan
uwe geloovigen zeer liefelijk hebt
gemaakt, en aan de booze geesten
daarentegen vervaarlijk en schrik-
kelijk : verleen genadig, dat allen
die dezen heiligen naam Jesus god-
vruchtiglijk vieren op aarde, nu
de zoetheid van uwen heiligen
troost mogen beproeven, en hier-
namaals de blijdschap der eeu-
wige zaligheid mogen verwerven;
door denzelfden Jesus Christus,
onzen Heer. Amen.
NB. Behalve de aflaten door de
Pausen vergund
, verleent daaren-
-ocr page 295-
DE H. ROZENKRANS.        289
boven Zijne Doorluchtige Hoogheid
Fr. Reginaldus, Bisschop van
Antwerpen, 40 dagen aflaat, aan hen
die aldus den heiligen Rozenkrans van
Jesus zullen bidden.
Manier om den Rozenkrans
godvruehtiglyk te bidden.
In den naam des Vaders, en des Zoons,
en des heiligen Geestes. Amen.
Ik geloof in God den Vader, almag-
tig, enz.
Eere zij den Vader, enz.
Onze Vader, enz.
Ik groet u, Dochter van God den
Vader, wees gegroet,Maria, enz.
Ik groet u, Moeder van God den
Zoon, weesgegroet, Maria, enz.
Ik groet u, Bruid van God den hei-
ligen Geest, wees gegroet, enz.
Eere zij den Vader, enz.
19
-ocr page 296-
290 DE H. EOZENKEANS.
DE VIJF BLIJDE GEHEIMEN.
1. De boodschap des Engels.
De namen van Jesus en Maria moe-
ten zijn geprezen: van nu af tot
altijd na dezen. Onze Vader, enz.
1.  De heilige Drievuldigheid heeft
toegestemd in de mensch wording
van Christus, wees gegroet, enz.
2.  Maria is tot Moeder van
Christus verkoren,
               ^
3.  De Engel Gabriël bragt $
Maria de blijde boodschap, ^
4.  Maria was in de eenzaamheid j
in haar gebed,
                     3
5.  De engel zeide: wees gegroet, &
Maria, vol van genade, de gj
Heer is met u,
                     g
6.  Maria was verbaasd als zij §\'
den engel hoorde,
                "9
7.  De engel zeide : Maria, wil §
niet vreezen, want gij zult ont-
vangen door den H. Geest,
-ocr page 297-
DE H. ROZENKRANS.        291
8. Maria zeide: zie de dienstmaagd
des Heeren, mij geschiede naar
uw woord, wees gegroet, enz.
9.  Maria is van den heiligen Geest
overschaduwd geworden, wees
gegroet, enz.
10.  En het Woord is vleesch gewor-
den, en het heeft onder ous ge-
woond, wees gegroet, enz.
Eere zij den Vader, enz.
II. De Bezoeking.
De namen van Jesuseu Maria moe-
ten zijn geprezen : van uu af tot
altijd na dezen. Onze Vader, enz.
1.  Maria ging uit ootmoedigheid
hare nicht Elisabeth bezoeken,
wees gegroet, enz.
2. Maria bestuurd door den heiligen
Geest, wees gegroet, enz.
3. Maria, met alle haast opstaande,
ging over het gebergte, wees
gegroet, enz.
-ocr page 298-
292        DE H. BOZENKKANS.
4.  Maria werd met veel liefde van
hare nicht Elisabeth ontvangen,
wees gegroet, enz.
5.  De H. Joaunes is gezuiverd
en van blijdschap opgespron-
gen in het ligchaam zijner
moeder,
6. Elisabeth zeide : gezegend is
de vrucht uws ligchaams,
7.Mariaheeftuitgeroepen:mijne ^
ziel maakt groot den Heer, 2
8.  Elisabeth zeide : wat geluk °°
geschiedt mij, dat de Moeder °§
des Heeren tot mij komt, ^
9. Het huis van Zacharias is door %
de komst van Jesus en Maria "
gezegend,
                           |
10. Maria heeft hare nicht drie •
maanden met veel liefde ge-
diend,
Eere zij den Vader, enz.
III. De geboorte van Christus.
De namen van Jesus en Maria moe-
-ocr page 299-
DE H. ROZENKRANS.        293
ten zijn geprezen : van nu af tot
altijd na dezen. Onze Vader,
enz.
1. Maria heeft gebaard en is Maagd
gebleven, wees gegroet, enz.
2.  Maria heeft Jesus in eenen
stal gebaard en in doeken
gewonden,
3.  Maria heeft Jesus met veel ^
liefde en verwondering aan- $
schouwd,
                             °°
4.  Maria heeft Jesus omhelsd J^
en aan haar hart gedrukt, ^
5.  Maria heeft Jesus met hare &
heilige borsten gevoed,
Ö. Maria heeft Jesus in eene =
kribbe gelegd, dieJosefdaar- •
toe had bereid,
7.  Jesus lag op hooi en stroo,
tusschen den os en den ezel,
8. De Engelen hebbeu gezongen:
Glorie zij God in het aller-
hoogste, en vrede aan de
menschen van goeden wille,
-ocr page 300-
294        DE H. ROZENKRANS.
9.  De herders hebbeu het Kind
komen bezoeken, wees gegroet,
Maria, enz.
10.  De drie koningen hebben het
Kind komen aanbidden en hunne
giften geofferd, wees gegroet,
Maria, enz.
Eere zij den Vader, enz.
IV. De Opdragt van Christus.
De namen van Jesus en Maria moe-
ten zijn geprezen: van nu af tot
altijd na dezen. Onze Vader, enz.
1.  Maria ging om haar Kind te offe-
ren, weesgegroet, enz.
2.  Jesus en Maria onderwierpen ^
zich aan de wet,
                    $
8. Maria ging door moeijelijke ^
wegen naar Jeruzalem, &
4.  Maria heeft Jesus op hare g
armen gedragen,
                  J5-
5.  Maria vervorderde al bid- ^
dende haren weg,
                 §
6.  Maria heeft Jesus in den
-ocr page 301-
DE H. EOZENKEANS.         295
tempel geofferd, wees gegr. enz.
7. Maria heeft Jesus met vijf
sikkeleii herkocht,
              ^
8. Anna was verblijd dat hare ^
voorspelling was volbragt, &
9. De oude Simeon heeft Jesus eg
omhelsd en op zijne armen <Q
genomen,
                           §
10.  Simeon zeide : Heer! laat <?*"
uwen dienaar gaan in vrede, 8
naar uw woord,
                  ^
Eere zij den Vader, enz.
V. De vinding van Christus.
De namen van Jesus en Maria moe-
ten zijn geprezen : van nu af tot
altijd na dezen. Onze Vader, enz.
1. Maria heeft haar lief Kind ver-
loren, wees gegroet, enz.
2. Maria heeft haren schat gemist,
3. Maria heeft hem al weenende
gezocht,
4. Maria heeft Jesus langs alle we-
gen en straten gaan zoeken,
-ocr page 302-
296 DE H. ROZENKRANS.
5.  Maria heeft Jesus na drie dagen
gevonden, wees gegroet, enz.
6.  Maria vond Jesus in den
tempel,
7. Jesus,twaalf jarenoud zijnde,
leerende de Doctoren,
8.  Maria zeide : Zoon, waarom g-
hebt gij ons bedroefd,
          oq
9.  Jesus is met hen gegaan en c^
was hun onderdanig,
            3
10.  Maria bewaarde al de woor- j*
den in haar hart, die Jesus »
tot haar sprak,
                      S
Eere zij den Vader, enz.
GEBED
O Maria, allergoedertierenste
Moeder! verkrijg mijn hart droef-
heid, en mijne oogen tranen van
berouw, om te beschreijen dat ik
Jesus door de zonden zoo dikwijls
verloren heb; vergun mij hem
weder te vinden en altijd te be-
houden. Amen.
-ocr page 303-
DE H. ROZENKRANS.         297
DE VIJF DROEVIGE GEHEIMEN.
In den naam des Vaders, en des Zoons,
en des heiligen Geestes. Amen.
Ik geloof in God den Vader, enz.
Eere zij den Vader, enz.
Onze Vader, enz.
Ik groet u, Dochter van God den
Vader, weesgegroet, Maria, enz.
Ik groet u, Moeder van God den
Zoon, wees gegroet, Maria, enz.
Ik groet u, Bruid van God den H.
Geest, wees gegroet, Maria, enz.
Zoo lief heeft God den mensch ge-
had, dat hij zijnen eenigen Zoon
niet heeft gespaard, maar hem
heeft geleverd ten dood, ja tot
den dood des kruises.
I. De benaauiodlieid van Christus.
De namen van Jesusen Maria moe-
ten zijn geprezen : van nu af tot
altijd na dezen. Onze Vader, enz.
-ocr page 304-
298        DE H. EOZENKEANS.
1.  Jesus ging naar het hofje van
Oliveten, wees gegroet, enz.
2.  Jesus viel plat ter aarde
neder,
3.  Jesus volhardde in het ge-
bed,
4.  Jesus was bedroefd tot den
dood,
                                 ^
5. Jesus zweette water en bloed, $
6. Jesus stelde zijnen wil in den m
wil van zijnen hemelschen °S
Vader,
                                       
7. Jesus vermaande zijne Leer- %
lingen om te waken en te "
bidden,
                               8
8. Jesus werd van zijnen Apos- •
tel door eenen kus geleverd,
9. Jesus werd van zijn bemind
volk gevangen,
10.  Jesus werd wreedelijk ge-
bonden en gesleurd van den
eenen regter tot den anderen,
Zoo lief heeft God den mensch
gehad, enz.
-ocr page 305-
DE H. ROZENKRANS.        299
IL De geeseling van Christus.
Denamen van Jesns en Maria moe-
ten zijn geprezen : van nu af tot
altijd na dezen. Onze Vader, enz.
1.  Jesus werd geleverd om ge-
geeseld te worden, wees ge-
groet, enz.
2.  Jesus zoo valschelijk be-
schuldigd,
3. Jesus kleederen werden uit-
gerukt,
                                ^
4.  Jesus stond daar naakt en ®
bloot,
                                  ^
5.  Jesus aan eene kolom ge- <g
bonden,
                                3
6. Jesus werd met zweepen ge- %
slagen,
                                "a
7.  Jesus werd met roeden ge- g
geeseld,
8. Jesus vleesch met scherpe
sporen verscheurd,
9.  Jesus bloed vloeide langs
de aarde,
-ocr page 306-
300 DE H. ROZENKRANS.
10. Jesus, ontbonden, kruipt naar
zijne kleederen, weesgegr. enz.
Zoo lief heeft God den meusch ge-
had, enz.
III. De krooning vcut Christus.
De namen van Jesus en Maria moe-
ten zijn geprezen : van nu af tot
altijd na dezen. Onze Vader, enz.
1.  Jesus werd verwezen om ge-
kroond te worden, wees gegr. enz.
2. Zij hebben Jesus eene door-
nen kroon bereid,
3. Zij hebben de doornen kroon ^
in Jesus hoofd gedrukt,
         |
4. Jesus hoofd langs alle kanten ao
doorwond,
                            $
5.  Jesus hoofd druipende van g
het bloed,
                            &
6. Jesus hoofd met bloed bedekt, "»
7         ,—
7. Jesus oogen met tranenover- es
goten,
8.  Jesus lippen met doodverw
besmet,
-ocr page 307-
DE H. ROZENKKANS.        301
9.  Jesus met eenen purperen man-
tel bespot, wees gegroet, enz.
10.  Jesus, zoo wreedelijk mishan-
deld, aanziet den mensen, wees
gegroet, enz.
Zoo lief heeft God den mensen
gehad, enz.
IV. De kruisdraging van Christus.
De namen van Jesus en Maria moe-
ten zijn geprezen : van nu af tot
altijd na dezen. Onze Vader, enz.
1.  Jesus werd veroordeeld om ge-
kruist te worden, wees gegr. enz.
2.  Jesus heeft zijn kruis met .
liefde omhelsd,
                    <
3. Jesus heeft zijn kruis op zij ne g
doorwonde schouderen ge- ^
dragen,
                              ^
4. Jesus bezweekonder het kruis 3
om onze zonden,
                  j^
5.   Jesus, beladen met zijn »
kruis, ontmoette zijne be- p
droefde Moeder,
-ocr page 308-
302 DE H. ROZENKRANS.
6.  Jesus drukte zijn aangezigt in
den doek, wees gegroet, enz.
7. Jesus zeide: handelt men zoo ^
met het groene hout, wat zal £
dan het dorre geschieden, °°
8.   Niemand wilde Jesus zijn ^
kruis heipen dragen,
          ^
9. Jesus viel aan den berg neder, »
10.  Jesus klom voor ons op den p
berg van Calvarië,
Zoo lief heeft God den mensen
gehad, enz.
V. De kruisiging van Christus.
De namen van Jesus en Maria moe-
ten zijn geprezen: van nu af tot
altijd na dezen. Onze Vader, enz.
1. Jesus werd wreedelij k op het kruis
uitgerekt, wees gegroet, enz.
2.  Jesus handen en voeten door-
nageld, wees gegroet, enz.
3.  Jesus werd aan het kruis opge-
rigt, en zijne wonden vloeiden
-ocr page 309-
DE H. EOZENKRANS.        803
van het bloed, wees gegroet,
enz.
4. Jesus bad voor zij n e vijanden,
5.  Jesus beloofde den moor-
denaar het Paradijs,
           ^
ü. Jesus beval den heiligen Jo- 2
annes aan zijne lieve Moeder, °°
7. Jesus, dorst hebbende, is^
met gal en azijn gelaafd, ^
H. Jesus heeft uitgeroepen: mijn %
God, waarom hebt gij mij "
verlaten,
                            =
9.  Jesus zeide : het is volbragt, ^
10.  Jesus heeft zijnen geest
gegeven en zijn hart voor
ons laten openen,
Zoo lief heeft God den mensen
gehad, enz.
GEBED
o Jesus! ik bid U, door uwe smar-
ten en uwen bitteren dood, door uwe
doornagelde handen, doorboorde
voeten, doorstoken zijde en al uwe
-ocr page 310-
304 DE H. ROZENKRANS.
gezegende wonden: ontferm U mij-
ner, en druk uw heilig lijden zoo
in mijn hart, dat mij niets anders
behage dan Gij, mijn Jesus, die
voor mij gekruisigd zijt. Amen.
DE VIJF ROEMVOLLE GEHEIMEN
In den naam des Vaders, en des Zoons,
en des heiligen Geestes. Amen.
Ik geloof in God den Vader, almag-
tig, enz.
Ëere zij den Vader, enz.
Onze Vader, enz.
Ik groet u, Dochter van God deii
Vader, wees gegroet, enz.
Ik groet u, Moeder van God den
Zoon, wees gegroet, enz.
Ik groet u, Bruid van God den hei-
ligen Geest, wees gegroet, enz.
Geloofd en verheerlijkt zij Christus
in het heilige Sakramentdes A1-
taars; deszelfs voorstanders, de
heilige vader Dominicus, met zoo
-ocr page 311-
DE H. EOZENKKANS.         305
vele lofzangen en eere als hij
waardig is.
I. De verrijzenis van Christus.
Denamen van Jesus en Maria moe-
ten zijn geprezen : van nu af tot
altijd na dezen. Onze Vader, enz.
1. Jesus is ten derden dage opge-
staau, wees gegroet, enz.
2. Jesus heeft dood en hel over-
wounen,
3. Jesus troostte en verloste de ^
Oud vaders,
                         %
4. Jesus is roemvol verrezen, ™
5.  Jesus verblijdde zijne lieve «
Moeder,
                              3
6.  Jesus verscheen als een ho- %
venier a an Maria Magdalena, "&
7. Jesus vertoonde zich aan Pe- g
trus, en heeft hem gezegend,
8. De Leerlingen van Emaüs zei-
den: waren onze harten niet
brandende van liefde, als hij
20
-ocr page 312-
306 DE H. ROZENKRANS.
tot ons sprak, wees gegroet, enz.
9.  Jesus stond te midden van zij-
ne Leerlingen en wenschte hun
allen den vrede, wees gegr. enz.
10. Jesns toonde zijne roemvolle
wonden aan den H. Thomas,
wees gegroet, enz.
Geloofd en verheerlijkt, enz.
II. De hemelvaart van Christus.
De namen van Jesus en Maria moe-
ten zijn geprezen: van nu af tot
altijd na dezen. Onze Vader, enz.
1.  Jesns roemvolle hemelvaart,
wees gegroet, enz.
              >
2. Jesus scheidde van zijne lieve ?
vrienden,
                            09
3. Maria omhelsde haren lieven <g
Zoon,
                                 fl
4. Magdalena wierp zich aan de %
voeten van Jesus,
                *
5.  Jesus klom op door zijne §
eigene magt,
                       p
-ocr page 313-
DE H. ROZENKRANS.        307
6. DeLeeiiingen hebben Jesus aan-
schouwd, en hij heeft hen allen
gezegend, wees gegroet, enz.
7.  Jesus heeft voor ons den he-
mel geopend,
                      ^
8.  Jesus zit aan de regterhand ?
van zijnen hemelschen Vader, ^
9. Jesus toont zijne heilige won-
den voor ons aan zijnen he- 3
melschen Vader,
                  &
10.  Jesus is onze middelaar in co
den hemel,
                         p
Geloofd en verheerlijkt, enz.
III. De zending van den H. Geest
De namen van Jesus en Maria moe-
ten zijn geprezen : van nu af tot
altijdna dezen. Onze Vader, enz.
1. Jesus heeft den heiligen Geest
beloofd, wees gegroet, enz.
2. Jesus heeft den Trooster gezon-
den, wees gegroet, enz.
3. Jesus heeft het vuur op de we-
-ocr page 314-
808         DE H. EOZENKRANS.
reld gezonden, wees gegr. enz.
4.  De heilige Geest heeft de
harten met liefde ontstoken,
5.   De heilige Geest heeft  de
verstanden verlicht,
             ^
6.  De heilige Geest heeft  de S
harten versterkt,
                 8
7. De heilige Geest heeft ver- <g
scheidene talen doen spreken, ^
8. De heilige Geest heeft zijne o
gaven uitgedeeld,
9. Kom heilige Geest, bezoek de §
harten uwer geloovigen,
10. Kom heilige Geest, ontsteek
in ons het vuur uwer liefde,
Geloofd en verheerlijkt, enz.
IV. De hemelvaart van Maria.
De namen van Jesus en Mariamoe-
ten zijn geprezen: van nu af tot
altijd nadezen. Onze Vader, enz.
1. Maria is opgenomen ten hemel,
wees gegroet, enz.
-ocr page 315-
DE H. ROZENKRANS.        809
2.  De hemelsche Vader ontving
zijne beminde Dochter, wees
gegroet, enz.
3. Jesus verwelkomde zijne lieve
Moeder,
4.  De heilige Geest omhelsde ^
zijne lieve Bruid,
                2j
5. De Serafijnen groeten Maria,
6.  De Engelen dienen Maria,0»
7.  Heel de hemel is verblijd ^
door Maria,
                         g.
S.Mariazitbij haren lieven Zoon, "
9. Maria is onze voorspreekster g
in den hemel,
10. Maria is onze Moeder in den
hemel,
Geloofd en verheerlijkt, enz.
V. De krooning van Maria.
De namen van Jesus en Maria moe-
ten zijn geprezen: van nu af tot
altijd na dezen. Onze Vader, enz.
1. Maria is roemvol gekroond in
den hemel, wees gegroet, enz.
-ocr page 316-
810        DE H. ROZENKRANS.
2.  Maria gekroond om hare sera-
(ijnscheliefde, wees gegroet, enz.
3.  Maria gekroond om hare en-
gelachtige zuiverheid,
4.  Maria gekroond om hare
groote ootmoedigheid,
5.  Maria gekroond om hare ^
volmaakte gehoorzaamheid, $
(>. Maria gekroond om hare m
heilige voorzigtigheid,
        °§
7.  Maria gekroond om hare^
groote gednldigheid,
            %
8.  Maria gekroond om hare"
ijverige dankbaarheid,
         §
9.  Maria gekroond om hare •
volharding in alle deugden,
10.  Maria boven alle Engelen
en Heiligen in den hemel ge-
kroond, gelijk het de Moeder
Gods toekomt,
Geloofd en verheerlijkt, enz.
GEBED.
Ik offer u, allerzuiverste Maagd
en allerroemrijkste Moeder Gods
-ocr page 317-
DE H. ROZENKRANS.         311
Maria, in de vereeniging van al
uwe deugden, verdiensten en vol-
maaktheden, deze geestelij ke kroon
van gebeden en groetenissen : ver-
waardig u dezelve te ontvangen,
niet al de lofzangen, die op de aarde
en in den hemel gedaan worden;
en verkrig mij en al degenen voor
welke ik gehouden ben te bidden,
van uwen lieven Zoon, de genade
om wel te leven en zaliglijk te ster-
ven. Amen.
Een Onze Vader, tot dankbaar-
heid, omdat God ons de genade
gegeven heeft van den Rozenkrans
te bidden. Onze Vader, enz.
Een Wees gegroet, opdat Maria
ons verstand wil opdragen aan den
hemelschen Vader, en wij in
eeuwigheid zijner barmhartigheid
mogen gedenken.
Wees gegroet, enz.
-ocr page 318-
312        DE H. ROZENKRANS.
Een Wees gegroet, opdat Maria
ons geheugen wil opofferen aan
haren Zoon, en wij gedurig zijn
leven en bitter lijden indach-
tig zouden mogen wezen.
Wees gegroet, Maria, enz.
Een Wees gegroet, opdat Maria
onzen wil gelieve toe te eigenen aan
den heiligen Geest, en hij gedu-
rig in ons van liefde mag branden.
Wees gegroet, Maria, enz.
Het Geloofzullenwij bidden, op-
dat ons gebed aan God mag aange-
naam wezen; dat het mag strekken
tot zijne meerdere eer en roem, tot
welstand van de heilige Kerk, tot
bekeering der zondaren en afgeval"
lene Christenen, en tot welstand
der gemeenten.
Ik geloof in God den Vader, enz.
De almogendheid des Vaders
beware ons.
De wijsheid des Zoons onder-
wijze ons.
-ocr page 319-
DE H. KRUISWEG.           SVÓ
De liefde des heiligen Geestes
ontsteke iii ons.
In den naam des Vaders, en des
Zoons, en des heiligen Geestes.
Amen.
DE H. KRUISWEG.
Wijze om deze godsvrucht te oefenen.
In de kerk gekomen om den Kruisweg
te houden, knielt men voor het altaar neder,
en tracht men zich voor te bereiden, door
eene akte van berouw te verwekken. Ver-
volgens gaat men de onderscheidene Station
in volgorde bezoeken, en zich voor elke
Statie op de knieën werpende, zegt meu
met gevoel: wij aanbidden U, Christus, enz.
Nu blijft men een weinig tijds dat geheim
van Jesus lijden overwegen, hetwelk door
die Statie wordt voorgesteld, en na een kort
gebed tot den lijdenden Verlosser,zegt men:
Onze Vader, Wees gegroet, met deze woor-
den sluitende: Ontferm U onzer! enz. Op
deze wijze gaat men voort tot aan de laatste
Statie, en zich dan weder tot het altaar
wendende, bedankt men God voor de ont-
vangene genadegiften.
-ocr page 320-
814          DE H. KRUISWEG.
De aflaten, welke men in deze oefening
verdienen kan, zijn dezelfde, welke zij ver-
dienen die de Statiën van den Kruisweg
te Jerusalem in persoon bezoeken. Vele van
deze zijn volle aflaten , van welke men zich
zelven eenen kan toevoegen en de overigen
voor de zielen in het vagevuur.
VOORBEREIDEND GEBED EN AKTE
VAK BEROUW.
Met den diepsten eerbied werp
ik mij voor U ter aarde, Verlosser
van den zondigen mensen; en innig
getroffen over het lijden, dat U
mijne verlossing gekost heeft, wil
ik mij in deze oogenblikken met
dat wonder van liefdebezig honden,
door U in den geest op uwen bloe-
digen Kruisweg te vergezellen. Maar
hoe zal ik dit op eene waardige
wijze kunnen verrigten, ik die U
zoo dikwerf beleedigde, uw lijden
niet zelden vernieuwde? Ja, mijn
Jesus! ik beken het, ik ben een zon-
-ocr page 321-
DE H. KRUISWEG.         315
daar, een onwaardige : maar Gij
kunt mij regtvaardig en uwei \\\' rfdè
waardig maken. Ontferm U dan
over mij; verwerp mij niet van uw
aanschijn, en vergeef den boetvaar-
digen zondaar, die U als het hoog-
ste goed boven al bemint, en juist
daarom berouw heeft over zijne
zonden. Niet meer, mijn God! niet
meer zal ik zondigen, maar U
steeds zoo beminnen, dat ik een-
maal onder diegenen gerangschikt
worde, voor wien uw bloed niet
vruchteloos vergoten werd.
Tot voldoening voor mijne mis-
drijven, offer ik U deze oefening
op. Stort gedurende dezen bloedigen
togt in mij den goeden geest, en geef
mij dat ik, door uwlijdenbewogen,
tot uwe navolging aangespoord
worde; maak mij deelgenoot aan
de verleende allaten, opdat zij mij
behulpzaam zijn, in dit leven
uwe erbarming en hierna uwe heer-
-ocr page 322-
316         DE H. KRUISWEG.
lijkheid van aanschijntot aanschijn
te genieten. Amen.
j.
I. STATIE.
Jesus wordt ter dood veroordeeld.
Wij aanbidden U, Christus, en
loven U.
Omdat Gij door uw heilig kruis
de wereld verlost hebt.
Overweeg, mijne ziel, met welke
gevoelens J esus dit vonnis ontvangt:
zie, hoe gewillig Hij zich aan het-
zelve, uit liefde totu onderwerpt.
Ach, dat gij u toch eens schaamdet,
gij, die zoo dikwerf het vonnis des
eeuwigen doods verdiendet! Gij ge-
waardigtunaauwelijks eene gerin-
ge versterving aan te nemen, waar-
toe Gods plaatsbekleeder u soms
veroordeelt. Welaan dan, wend u
vol schaamte tot Jesus, uwen brui-
degom, en zeg hem met een hart
vol liefde:
-ocr page 323-
DE H. KRUISWEG.          317
Gebed.
Dierbare Jesus! uwe onschuld en
de liefde waarmede Gij U, zonder
eenige tegenspraak, aan het onregt-
vaardigste vonnis onderwerpt, doen
mij bloozen. Het is mij leed, dat ik
bij het ontvangen van eene ge-
ringe beleediging, bij het hooren
van een smadelijk woord, tot hiertoe
mij zoo verontwaardigd toonde; ja,
dit smart mij, en ik maak een vast
voornemen, voortaan met uwe
heilige hulp elke versmading, hoe
onregtvaardig, hoe smartelijk die
ook zijn moge, gaarne te verduren.
Onze Vader, Wees gegroet.
Ontferm U onzer, Heer! ontferm
U onzer
-ocr page 324-
318          DE H. KRUISWEG.
T
II. STATIE.
Jesus neemt het kruis op zijne sehou-
deren.
Wij aanbidden U, Christus, en
loven U.
Omdat Gij door uw heilig kruis
de wereld verlost hebt.
Mijneziel! beschouw uwen Jesus;
zie met welk eene teederheid Hij het
kruisomhelst,metwelkeenekaïmte
en gelatenheid Hij den moedwil der
woeste bende verdraagt. Ach! bloos
over het ongeduld, waaraan gij u
bij het verschijnen van het ge-
ringste kruisje van tegenspoed zoo
vaardig overgeeft. Kom, vergezel
uwen met het kruis beladen Jesus,
en zeg hem:
GEBED
Met reden schaam ik mij, lieve
Jesus, wanneer ik Uhet kruis, het
door mijne ondankbaarheid, door
-ocr page 325-
DE H. KRUISWEG.           319
mijne zonden vervaardigd kruis,
zoo liefderijk zie omhelzen, terwijl
ik aarzel, dieligte, die aangename
kruisjes op te nemen, welke uwe
oneindige liefde mij vormde en
door zoo vele genadehulp dragelijk
maakte. Vergeef het mij, bid ik U,
vermits ik een vast besluit maak,
niet alleen om dezelve voortaan
gaarne te omhelzen, maar daaren-
boven, met uwe geliefde heilige
Theresia, U onophoudelijk te smee-
ken: of lijden of sterven; het kruis
of de dood.
Onze Vader, Wees gegroet.
Ontferm TI onzer, Heer ! ontferm U
onzer.
f
III. STATIE.
Jeans valt voor de eerste maal onder
het kruis.
Wij aanbidden U, Christus, en
loven U.
-ocr page 326-
820          DE H. KRUISWEG.
Omdat Gij door uw heilig kruis
de wereld verlost hebt.
Mijne ziel! ziet gij de beleedigin-
gen niet, welke uw gevallen Jesus
te verduren heeft? En echter zwijgt
Hij , en verdraagt Hij alles uit
liefde tot u! En hoe ongeduldig
zijt gij niet, wanneer eene ligte
ziekte u aantast, wanneer een ge-
ring ongeval u treft, hoe bitter be-
klaagt gij u dan niet! Ach, werp
u met tranen van berouw voor Je-
sus voeten neder, en bid hem :
Gebed.
Beminnelijke Jesus! met leed-
wezen werp ik mij voorU ter aarde,
omdat ik U zoo dikwerf door mijn
ongeduld beleedigde. Ach! schenk
mij de genade, om te kunnen op-
staan , den weg des kruises met
liefde en vreugd te vervolgen, en al-
lerampslagen gaarne te verduren.
Onze Vader, Wees gegroet.
-ocr page 327-
DE H. KRUISWEG.          321
Ontferm U onzer. Heer! ontferm U
onzer.
t
IV. STATIE.
Jesus ontmoet zijne heilige Hoeder.
Wij aanbidden U, Christus, en
loven U.
Omdat Gij door uw heilig Kruis
de wereld verlost hebt.
Ach! welk eene hevige smart
doorboorde het hart van Maria, en
wie kan de folteringen opnoemen,
waarmede Jesus lijden bij deze ont-
moeting verzwaard werd? Ween,
mijne ziel, ween bij dit zielroerend
schouwspel, en troost de bedroefde
Moeder en den lijdenden Zoon op
deze wijze:
GEBED.
Liefderijke Moeder! ik ben het,
die uwen geliefden Zoon, uwen
Jesus, aan die barbaarsche handen
21
-ocr page 328-
ÏÏ22          DE H. KRUISWEG.
van ruwe krijgsknechten overle-
verde. Toen ik zondigde,.juist toen
vormde ik het zwaard van droef-
heid, dat uw moederhart doorboor-
de. Ach! ik heb er berouw over, en
smeek u beiden om erbarming en
vergeving.ErbarmingheiligeMaria!
Mijn Jesus! ontferm U over eenen
zondaar, die het besluit maakt
niet meer te zondigen, en tot dat
einde de smarten dikwijls te over-
wegen van Jesus en Maria.
Onze Vader. Wees gegroet.
Ontferm U onzer. Heer! ontferm U
onzer.
t
V. STATIE.
Jesus wordt door Simon van Oyrenen
in het hruisdragen geholpen.
Wij aanbidden U, Christus, en
loven U.
Omdat Gij door uw heilig Kruis
de wereld verlost hebt.
-ocr page 329-
DE H. KRUISWEG.          823
Denk eens na, mijne ziel, welke
beleediging de Cyrener Jesns aan-
deecl, door Hem in het kruisdra-
gen zijne hulp te weigeren. Maar
beleedigt gij Hem niet meer, als
gij het kruis, dat Jesus u over-
zendt, gedwongen en niet met
lieMe torscht, als gij het uasleept
en zelfs durft ontvlugten ? Ach!
verfoei uwe dwalingen, en bid
uwen liefhebbenden Jesus:
GEBED.
Liefdevolle Jesus! ik belijd het,
ik was die Cyrener; ik die slechts
gedwongen het kruis der vveder-
waardigheden gedragen en altijd
getracht heb hetzelve te ontvlug-
ten. Ach! ik erken mijne misdaden;
ik smeek om vergeving en genade
voor de toekomst. Zend mij vrij
die kruisen, welke U zoo dierbaar
zijn; met uwe hulp zal ik ze vol-
gaarne omhelzen.
-ocr page 330-
324         DE H. KRUISWEG.
Onze Vader. Wees gegroet.
Ontferm U onzer. Heer! ontferm V
onzer.
t
VI. STATIE.
Veronica droogt Jesus aanschijn met
eenen zweetdoek.
Wij aanbidden U, Christus, en
loven U.
Omdat Gij door uw heilig Kruis
de wereld verlost hebt.
Is het mogelijk, mijne ziel, dat
gij niet van liefde en teederheid
wegsmelt, bij de overweging van
de belooning, welke de goede Jesus
aan de vrome Veronica uitreikte,
voor hare aan Hem betoonde daad
van medelijden? Hij stelde haar in
het bezit van zijne in den zweet-
doek uitgedrukte, aanbiddelijke
gelaatstrekken. Zou Hij niet op-
dezelfde wijze ook met u handelen,
-ocr page 331-
DE H. KRUISWEG.          325
door zijn heilig wezen in uw hart
te drukken, zoo gij dikwerf uw me-
delijdenjegensHemopwektet?Ach!
geef dan van dit gemis aan uzelven
alleen de schuld, en zeg Hem :
GEBED.
Gefolterde Godmensen! zoo Gij
niet in mijn hart gedrukt zijt, is
de schuld niet aan U; neen, aan
niijzelven, aan mijue ongevoelig-
heid moet ik het dank weten. Im-
mers, gevoel ik wel ooit medelijden
jegens U ? overweeg ik wel ooit uwe
smarten? Ach! ik verfoei mijne
handelwijze en wil voortaan uw
bilter lijden dikwijls overwegen,
opdat Gij met onuitwischbare let-
teren in mijn hart moogt gegrift
blijven.
Onze Vader. Wees gegroet.
Ontferm Uonzer. Heer! ontferm U
onzer.
-ocr page 332-
826         DE H. KRUISWEG,
f
VIL STATIE.
Jesus valt ten tweeden male onder het
kruis.
Wij aanbidden U, Christus, en
loven U.
Omdat Gij door uw heilig Kruis
de wereld verlost hebt.
Ach. mijne ziel, hoe ongevoelig
zijt gij! Ziet gij niet, dat het uwe
trotschheid is, die Jesus ook nu op
den grond doet nedervallen, daar
gij uwen Heiland met voeten treedt,
om uzelven te verheffen V Ach!
verfoei toch eens dien hoogmoed,
en beloof uw gevallen Vriend be-
terschap.
GEBED.
Ja, mijn Jesus! ik beween mijne
trotschheid, waardoor ik steeds bo-
ven anderen den voorrang begeerde;
en dewijl ik hierdoor oorzaak van
-ocr page 333-
DE H. KRUISWEG.          327
uwen val was, besluit ik, mij ook
voor mijne minderen te vernede-
ren, altijd met nederigheid en on-
derwerping te spreken en allen
hoogmoed uit mijn hart te verban-
uen. Help mij hierin door uwe
vermogende genade.
Onze Vader. Wees gegroet.
Ontferm TI onzer. Heer! ontferm TT
onzer.
f
VIII. STATIE.
Jesus troost de weenende vrouwen.
Wij aanbidden U, Christus, en
loven U.
Omdat Gij door uw heilig Kruis
de wereld verlost hebt.
Zie, mijne ziel, hoe de voor Jesus
geplengdetranen, met de door Hem
gegevene vertroostingen gepaard
gaan. Naauwelijks weenen Jeruza-
lems vrouwen, of Jesus vertroost
-ocr page 334-
328         DE H. KRUISWEG.
haar. Overweeg eens, dat zoo gij
tot hiertoe van Hem nog geenen
troost ontvangen hebt, het een
sprekend bewijs is, dat gij nog
geene tranen van medelijden over
uwen lij denden Zaligmaker gestort
hebt.
GEBED.
Beminnelijke Verlosser! al te
wel gevoel ik mijne verpligting,
om over mijne ondankbaarheid eu
zondige werken te schreijen; maar
des te meer beween ik dezelve, om-
dat zij oorzaak van uw lij den waren.
Zoo dan de tranen der bedroefde
Vrouwen U welgevallig waren, o
versmaad dan de mijne niet, op-
dat ik zoowel nu als in het uur van
mijnen dood doorU getroost worde.
Onze Vader. Wees gegroet.
Ontferm U onzer. Heer ! ontferm U
onzer.
-ocr page 335-
DE H. KRUISWEG.          329
t
IX. STATIE.
Jesus valt ten derden male onder
het kruis.
Wij aanbidden U, Christus, en
loven U.
Omdat Gij door uw heilig Kruis
de wereld verlost hebt.
Beschouw, mijne ziel, beschouw
uwen hier ten derden male op den
grond gevallen Jesus : uwe zonden
deden Hem bezwijken. Hij kon den
last uwer ondankbaarheid niet lan-
ger torsenen. Maak dan toch een-
maal het besluit, om niet meer on-
dankbaar te zijn, en uwen Verlos-
ser op te beuren. Zeg hem met
geheel uw hart:
GEBED.
Goede Jesus! het is maar al te
waar, uw herhaald vallen werd door
-ocr page 336-
880          DE H. KEUISWEG.
mij veroorzaakt, doordien ik aan
uwegenade zoo slecht beantwoord-
de; maar zie, ikheb er berouw over,
en neem mij voor, in het ver-
volg geene genade onbeantwoord te
laten. Dit echter kan ik niet zonder
uwen bijstand. Help mij dan om
uit dien afgrond van ondankbaar-
heid op te staan en nooit meer uit
uwe genade te geraken.
Onze Vader. Wees gegroet.
Ontferm Uonzer, Heer! ontferm U
onzer !
t
X. STATIE.
Jesus wordt ontkleed en met gal
gelaafd.
Wij aanbidden U, Christus, en
loven U.
Omdat Gij door uw heilig Kruis
de wereld verlost hebt.
Overweeg, mijne ziel, hoe Jesus
maagdelijke zedigheid hier belee-
-ocr page 337-
DE H. KBUISWEG.          331
digd, hoe zijn smaak hier verbit-
terdwerd. Ach! uwe onbeschaamd-
heid, uwe zinnelijke kleeding, uwe
ijdelheid beroofde u vau uwe on-
schuld , rukte Jesus de kleederen
van het lijf; uwe onmatigheid ver-
bitterde den smaak van uwen Heer.
Welaan dan, spreek Hem rouw-
moedig aan, zeggende:
GEBED.
Lijdende Jesus! jaik beween mijn
ijdel pogen om in de wereld eene
vertooning te maken, ik verwensch
mijne-onwaardige begeerten, ik ver-
foei alle gehechtheid aan de wereld;
geef dat ik mij voortaan nooit meer
van het kleed der onschuld beroo-
ve, mij nooit meer aan overdaad
pligtig make,endoor deeenvoudig-
heid mijner kleeding, de zedigheid
mijns harten levendig uitdrukke.
Onze Vader. Wees geqroet.
Ontferm Uonzer. Heer! ontferm TJ
onzer.
-ocr page 338-
332         DE H. KRUISWEG.
f
XI. STATIE.
Jesus wordt aan het kruis genageld.
Wij aanbidden U, Christus, en
loven U.
Omdat Gij door uw heilig Kruis
de wereld verlost hebt.
Eindelijk, mijne ziel, eindelijk
wordt uw vermoeide , afgematte
Jesus aan het vloekhout geklonken.
Ween hier bij de herinnering, dat
uwe zoo gekoesterde hartstogten
die scherpe nagelen waren, waar-
mede zijne handen en voeten door-
boord werden; dat uw bedorven
wil de hamers waren, welker sla-
gen Golgotha weergalmen deden.
Ach! smeek Hem hiervoor ver-
geving door te zeggen :
GEBED.
Mijn gekruiste Jesus! duld dat
ik vol droefheid en leedwezen mijne
-ocr page 339-
DE H. KRUISWEG.         333
zonden en ondankbaarheid in uwe
doorboorde handen legge, niet om
U op nieuw te kruisigen, maar op-
dat mijne trouweloosheid, met U
gekruist zijnde, van weedom sterve,
om in eene eeuwige trouw te ver-
anderen.
Onze Vader. Wees gegroet.
Ontferm U onzer. Heer! ontferm
U onzer.
t
XII. STATIE.
Jesus bidt al stervende voor zijne
kruisigen^.
Wij aanbidden U, Christus, en
loven U.
Omdat Gij door uw heilig Kruis
de wereld verlost hebt.
Beschouw, mij ne ziel, beschouw
nogmaals uwen aan het kruis ge-
hechten Jesus. Zie hoe treffelijk Hij
den eeuwigen Vader bidt voor u,
die Hem zoo schandelijk hoondet;
-ocr page 340-
384          DE H. KRUISWEG.
en gij aarzelt nog vergeving te
schenken aan hen die u soms ver-
ongelijkten, die u beleedigden! En
echter zijt gij het, die den Zoon
van God niet slechts beleedigd,
maar zelfs gekruist hebt. Welaan,
verhef dan vol berouw over zoo
vele zonden uwe stem tot Jesus,
en zeg Hem :
GEBED.
Beminnelijke Zaligmaker! uwe
stem, waarmede Gij den Vader
voor mij om vergeving badt, roept
mij onophoudelijk toe, dat ik niet
alleen mijnen naasten alleveronge-
lijkingvergeven, maar ook U voor
mijne beleedigers om vergeving
smeekenmoet. Gehoorzaam aan die
stem, verfoei ik dan ook mijne tot
hiertoe gevolgde hardvochtigheid,
en maak het voornemen, om hun,
die mij verongelijking aandoen,
weldaden te bewijzen, opdat ik ook
-ocr page 341-
DE H. KRUISWEG.         335
eenmaal van U hooren moge: he-
den zult gij met Mij in het Paradijs
zijn.
Onze Vader. Wees gegroet.
Ontferm TT onzer. Heer! ontferm
17 onzer.
t
XIII. STATIE.
Jesus wordt van liet kruis genomen.
Wij aanbidden U, Christus, en
loven U.
Omdat Gij door uw heilig Kruis
de wereld verlost hebt.
Gij waart het, mijne ziel, die den
gestorven Jesus in Maria\'s schoot
legdet, zoo dikwijls gij Hem in het
Sakrament met weinig godsvrucht,
mogelijk wel op eene heiligschen-
dende wijze, in uw hart ontvangen
hebt, en Hem zoodoende in uw
binnenste deed sterven. Ach!
vraag Jesus hiervoor vergeving;
bid Maria om hare voorspraak.
-ocr page 342-
336         DE H. KRUISWEG.
GEBED.
Ja mijn God! het is waar, ik was
ongevoelig\'genoeg om zulk een droe-
vig schouwspel daar te stellen,
dewijl ik zoo dikwijls uwe heilige
Tafel naderde, zoo niet met eendoor
zonde bezoedeld geweten, dan toch
met weinig godsvrucht en met een
aanhet aardsche gehecht hart. Ach!
dit berouwt mij en spoort mij tevens
aan, om voortaan het Brood der
Engelen zoo te ontvangen, dat het
voor mij een onderpand worde der
toekomstige heerlijkheid.
Onze Vade?\\ Wees gegroet.
Ontferm U onzer. Heer! ooit ferm
U onzer.
f
XIV. STATIE.
Jesus wordt in het graf gelegd.
Wij aanbidden U, Christus, en
loven U.
-ocr page 343-
DE H. KRUISWEG.           837
Omdat Gij door uw heilig Kruis
de wereld verlost hebt.
Overweeg, mijne ziel, hoedanig
het graf was, waarin uw ontzielde
Verlosser gelegd werd. Het was een
nieuw graf, en met kostbaar reuk-
werk gebalsemd werd Hij in het-
zelvenedergelegd. Danhelaas! uw
hart is voor uwen Jesus geen
nieuw graf meer, daar gij der zon-
de in hetzelve eerst eene plaats
hebt ingeruimd. Welaan, tracht
het nu ten minste te vernieuwen,
en bid hem, dat Hij in u een ge-
heel ander hart scheppe.
GEBED.
Liefde mijnerziel! ik belijde het,
mijn hart was tot hiertoe een door
zoo vele zonden en onvolmaakthe-
den bezoedeld graf; maar vol
schaamte en berouw bid ik U,
schep in mij een nieuw en zuiver
hart, en geef dat ik hetzelve met
22
-ocr page 344-
338         DE H. KRUISWEG.
den balsem van de gedachtenis
aan uw lijden zalve, en met het
reukwerk der deugden verfraaije.
Dan zult Gij altijd in mijn hart
rusten, als in een graf dat heer-
lijk en U welgevallig is. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet, enz.
Ontferm U onzer, Heer ! ontferm IJ
onzer.
Sluitgebed.
Hartelijk dank zij U, o Heer, voor
al uwe weldaden, en inzonderheid
voor de weldaad welke Gij mij nu
weder bewezen hebt, door mij op
dezen kruisweg te ondersteunen.
Ik mogt mij dan gedurende dezen
tijd eens van het aardsche losscheu-
ren, mij in de geheimen van uw lij-
den verdiepen en daaruit heilrijke
lessen verzamelen. O, dat deze oefe-
ning dan ook werkelijk strekketot
verbetering van mijnen wandel en
tot zaligheid mijner ziel. Geef,
-ocr page 345-
DE H. KRUISWEG.          889
goede Jesus, dat zij ook aan die af-
gestorvene geloovigen voordeelig
zij, voor welkeikdezelve lieb opge-
dragen; enmogten zij die aflaten
uietuoodig gehad hebben, gewaar-
dig U dan, dezelve aan die zielen
toe te voegen, voor welke geene
bijzondere gebeden gestort wor-
den, en die aan mijne hulp de
meeste behoefte hebben; beschik
er over gelijk het U behaagt.
Eindelijk, verleen mij dat ik uw
lijdenbestendigin mijne gedachten
hebbe, mijnen wandel er naar re-
gele, en tot den laatsten adem mijns
levens in de deugd volharden moge.
Amen. Zes malen Onze Vader, enz.
GËBËDKN OP HET LIJDEN EN STERVEN
van onzen Heer Jesns Christus.
Volgens de getuigenis van Christus ,
kan de mensch op deze wereld geen
beter middel vinden om de zaligheid
-ocr page 346-
340         GEBEDEN OP HET
zijner ziel te bevorderen, dan dagelijks
het bitter lijden en sterven van onzen
Heer Jesus Christus te overwegen;
daarom zijn alle Getijden van het Lijden
verdeeld in vier- en- twintig deelen ,
voorde vier- en- twintig uren van den
dag, om bij tijdsgelegenheid te gebrui-
ken.
1.  Christus spijst zijne Aposte-
leii, en stelt het heilig Sakrament
des Altaars in.
2.  Christus wascht de voeten
zijner Apostelen.
3.  Hij gaat met zijne Apostelen
in het hofje Gethsemane.
4.  Hij valt op de aarde, zweet
water en bloed, en bidt den Vader:
is het mogelijk, zoo neem dezen
kelk van mij.
5.  Judas verraadt Christus met
eenen kus, en levert hem over aan
de Joden.
6.  Christus wordt van de Joden
-ocr page 347-
LIJDEN VAN CHRISTUS. 841
gevangen genomen, getrokken en
gebonden.
7.  Christus wordt gesleept door
de beek Cedron.
8.  Hij wordt gevoerd voor den
hoogepriester Annas, envaneenen
krijgsman ontvangt hij met eenen
ijzeren handschoen een kaakslag.
9. Van daar wordt hij geleid naar
Caïphas, Herodes en Pilatus.
10.  Hij wordt van Herodes be-
spot, en als een krankzinnige met
een wit kleed omhangen.
11. Van Herodes wedergezonden
uaar Pilatus, wordt hij onschul-
dig bevonden.
12. De Schriftgeleerden, Fariseën
en Hoogepriesters riepen : kruist
hem, kruist hem !
13.  Hij wordt onbarmhartig ge-
slagen , en met roeden, zweepen en
ketenen gegeeseld.
14. Christus wordt gekroond met
doornen, met vuisten geslagen, met
-ocr page 348-
342          GEREDEN OP HET
gebogen knieën valschelijk aange-
beden; hem wordt een riet in de
hand gegeven, en als koning wordt
hij beschimpt en bespot.
15. Daarna zetten zij hemopeenen
steen, hangen hem eeneu purperen
mantel om, spuwen hem in zijn
heilig aangezigt en roepen : wees
gegroet. Koning der Joden !
16. Pilatus toont hem aan het
volk, zeggende : Ecce Homo, aan-
ziet den mensen; en hij wordt ter
dood verwezen.
17. De soldaten ontkleedenhemen
bereiden een zwaar kruis, hetwelk
hij metgrootepijnen smartnaar den
berg van Calvarië moet dragen.
18.  Hij zucht onder het kruis tot
zijnen hemelschen Vader, voor de
zaligheid der menschen, en be-
zwijkt van pijn en bloedverlies.
19.  Christus ontmoet zijne lieve
Moeder, die van ontsteltenis, toen
zij haren beminden Zoon onder den
-ocr page 349-
LIJDEN VAN CHEISTUS. 343
zwaren boom des kruises zoo door-
wond en mishandeld ziet, van me-
delijden in onmagt valt.
20. Christus valt onder het kruis,
en wordt van de krijgsknechten
wreedelijk opgebeurd, en met het
kruis naar den berg van Calvarië
gesleept en getrokken.
21. Als hij den berg van Calvarië
bereikt, wordt hij van zijne klee-
deren ontbloot en naakt op het
kruis geworpen, en zoo geweldig,
dat al zijne wonden weder op
nieuw bloeden.
22.  Zijne gezegende handen en
voeten worden met groote nagels
doorboord en geslagen.
23. Christuswordtwreedelijkmet
het kruis opgeheven, dat men in
eenen daartoe gemaakten kuil liet
vallen, waardoor al zijne ledematen
van hunne plaats verzet werden en
hij aan zijne gezegende handen
bleef hangen.
-ocr page 350-
344           GEBEDEN OP HET
24. Christus is drie uren lang
levend aanhetkruisblijvenhangen,
en nadat alles volbragt was, dat van
hem geschreven staat, heeft hij
zijnen geest in de handen van
zijnen hemelschen Vader gegeven
en is gestorven.
Manier oni den ganschen dag al zijne wer-
ken met het lijden onzes Heeren Jesus
Christus te vereenigen , en de heilige
Drievuldigheid daardoor te eeren.
1. Als men \'s morgens ontwaakt, moet men
denken, hoe Christus van de wreede Joden in
Pilatns voorhof mishandeld en den geheelen
nacht beschimpt, bespot en geslagen is; zeg dan:
O Heer Jesus Christus! doe mijn
hart ontwaken tot U, die den gehee-
len nacht van de meineedige Joden
in den voorhof van Pilatus be-
schimpt, bespot en geslagen zijt;
dat ikUdezen dag mag loven,prij-
zen en eeren: die leeft enheerscht,
met den Vader en den heiligen
Geest, in alle eeuwigheid. Amen.
-ocr page 351-
LIJDEN VAN CHEISTUS. 345
\'2. Ah men van zijne slaapkamer gaat,
moet men denken hoe Christus van de Joden
getrokken en gebonden is, en zeggen:
O Heer Jesus Christus! vergun
mij door uwe grenzelooze barmhar-
tigheid, dat ik dezen dag uwe voet-
stappen navolgen en nooit van U
afwijken mag. Bewaar mij, Heer,
door uwe ketenen en banden, heden
voor alle ougeluk en listige lagen
van den boozen vijand. Amen.
Ü. Ais gij uit uw huis gaat, denk hoe Chris-
tus geleid is naar Annas, Caïphas, Her odes
en Pilatus, en zeg :
O minzame Jesus! waar zal ik
U vinden, eenige schat mijner ziel,
troost mijns gemoeds, wellust mijns
harten? Gij zijt geleid voor de hoo-
gepriesters om geoordeeld te wor-
den: geef mij de genade U al-
zoo na te volgen, dat ik op den
jongsten dag uw streng oordeel
niet behoef te vreezen. Amen.
-ocr page 352-
346           GEBEDEN OP HET
4.   Als men door de Kerk gaat, moet men
denken hoe Christus met zijne Apostelen het
Paaschf nest gehouden en met hun het Avondmaal
gegeten heeft, en dat hij het heilig Sakrament
des Altaars ingesteld heeft, zeggende:
O barmhartige Jesus! om onze ge-
breken en onstandvastigheid hebt
Gij met groot verlangen met uwe
Apostelen het Paaschlam gegeten,
en hun met uw eigen vleesch en
bloed gespijsd, hun ongeloof ver-
dreven, in het geloof bevestigd,
en hun den weg der eeuwige zalig-
heid geopend. Vergun mij ook, dat
ik U in het heilig Sakrament met
een godsdienstig hart mag aanbid-
den, in U gelooven, op U hopen, en
U beminnen in alle eeuwen. Amen.
5.   Onder het werk moet men dikwijls den-
ken , hoe Christus drie- en- dertig jaren lang
hier op deze wereld in hitte, koude, honger,
dorst, vervolging en benaauwdheid heeft wil-
len leven, en zeggen :
O Heer Jesus Christus, die den
-ocr page 353-
LIJDEN VAN CHRISTUS. 347
schoot van uwen hemel schen Vader
verlaten hebt, en in deze wereld
gekomen zijt om in hitte, koude,
honger, dorst, vervolging en be-
naau wdheid, het verloren schaap te
zoeken: sta mij bij, opdat ik mijn
werk mag beginnen tot uwe hoogste
eer en uwen roem, en tot zaligheid
mijner ziel. Amen.
6. Als men aan tafd gaat, moet men den-
ken, hoe de Heer der Heer en, de Koning der
Koningen, naakt en bloot, in de grootste ver-
latenheid aan den boom des kruises hangende,
met gal en edik gelaafd is, en zeggen:
O Heer Jesus Christus, die alles
wat leven ontvangen heeft uit milde-
lijke genade spijst: hoe zijt Gij alzoo
op deze wereld verlaten geweest,
dat Gij in uwen uitersten nood niet
eenen enkelen druppel water tot
lafenis hebt mogen genieten, maar
met bittere gal en edik zijt gelaafd
geworden ? Verzadig mij ne dorstige
-ocr page 354-
348           GEBEDEN OP HET
ziel met den dauw uwer genade,
eu behoed mij voor alle overdaad
in spijs en drank. Amen.
7. Als men slapen gaat, kan men denken
hoe Christus zijnen geest in de handen zijns
hemelschen Vaders beval, nadat hij drie uren
lang aan het kruis gehangen had, hoe hij is
gestorven en begraven, en zeggen :
O eeuwig Woord des Vaders! Gij
hebt gedurende drie uren met uit-
gerekte armen, in de gruwzaamste
pijnen en smarten, aan het kruis
gehangen, om mij, arme zondaar,
in uwe gezegende armen te ontvan-
gen : en toen Gij den dood voeldet
naken en alles volbragt hadt wat
van U voorzegd was, hebt Gij uwen
geest in de handen uws hemelschen
Vaders bevolen. Neem, bid ik U,
mijne ziel ook in uwe gezegende
handen, als zij uit dit leven schei-
den zal, en laat mijne laatste woor-
den zijn : Jesus, Maria, Josef! in
-ocr page 355-
LIJDEN VAN CHRISTUS. 349
uwe handen beveel ik mijnen
geest.
8.   Als gij in het bed treedt, gedenk hoe
de vier heilige mannen het doode Ligcho/im van
Christus, van het kruis afgenomen, in eenen
fijnen linnen doek gewonden, en in een niemv
sleenen graf gelegd hebben, en zeg dan:
O mijn Jesus! door uwe heilige
begraving\' en de bittere tranen van
uwe bedroefde Moeder, ook door
den heiligen lijkdoek, waarin uw
heilig ligchaam gewonden is ge-
weest, hetwelk met uw heiligbloed
geverwd is, bestuur mijnen slaap,
en keer van mij alle booze bekoring
des duivels; begraaf mij in uwe
heilige vijf wonden, opdat ik ge-
rust mag slapen. In uwe handen
beveel ik mijnen geest.
9.   Over dag, als men de trappen opklimt,
kan men denken, hoe Christus met zijn heilig
kruis den berg van Calvariè\' smartvol opge-
klommen is, en zeggen :
-ocr page 356-
350         GEBEDEN OP HET
O Heer Jesus Christus! door de
pijn die Gij geleden hebt, toen Gij
met den boom des kruises, door
de Joden op den berg van Calvarië
getrokken zijt: door het bloed,
waarmede Gij uwe voetstappen ge-
teekend hebt; door uwe zuchten
onder het kruis, en het medelijden
van uwe gezegende Moeder, dat zij
in haar moederlijk hart gevoelde,
toen zij U op dezen smartvollen en
bedroefden weg ontmoette: sta mij
bij en help mij mijn kruis tot uwe
eer met geduld dragen, opdat ik
daaronder niet bezwijke. Amen.
10. Als men de trappen af klimt, kan men
zich voorstellen, hoe Christus ons allen zal ko-
men oordeelen, en zeggen
O regtvaardige Regter, Jesus
Christus! die de levenden en doo-
den zult komen oordeelen, en die
de wereld door het vuur zult laten
vergaan : laat mij hier alzoo wan-
-ocr page 357-
LIJDEN VAN CHKISTUS. 351
delen, dat ik in eeuwigheid niets
behoef te vreezen. Amen.
11. Als ons eenige zwarigheid overkomt,
moet men denken, hoe Christus van Pïlatus
is ter dood verwezen, en dan zeggen
:
0geduldigeHeer Jesus Christus,
o zachtmoedig\' Lam Gods! door het
onregtvaardige oordeel dat de reg-
ters over U uitgesproken hebben ,
verlos mijne ziel uit alle beuaauwd-
heid, en geef mij geduld in al
mijnen tegenspoed. Amen.
12 Als men eenig vermaak of vreugde ge-
niet, dan denk aan de hemelsche eer, en zeg
:
Allerzoetste Jesus! door uwe eeu-
wige eer en alle oneindige vreugde,
die de uitverkorenen in de eeuwig-
heid met U genieten zullen: ver-
leen mij deze tijdelijke genoegens
alzoo te gebruiken, dat ik de eeu-
wige niet verlieze. Amen.
-ocr page 358-
352 GEBEDEN OP HET LIJDEN , ENZ.
13. Als men ter kerke gaat, bedenke men
dat Christus, toen hij twaalf jaren oud was ,
in den tempel leerde.
O eeuwige wijsheid, Jesus Chris-
tus! die van uwe lieve Ouders in
deu tempel gevonden zijt, in het
midden der leeraren : geef mij het
verstand, om te begrijpen al het-
gene tot mijner ziele zaligheid, en
ter vermeerdering uwer eer, noo-
:s. Amen.
14.   Als men over het kerkhof gaat.
O Heer Jesus Christus! verleen
aan al de overledene christelijke
geloovigen de eeuwige rust, door
al uw3 pijnen en smart.
15.   Als men voorbij eene kerk gaat.
Ik aanbid U, verborgene God-
heid, die onderden schijn van brood
hier waarachtig tegenwoordig zijt:
ik offer U mijne ziel, ligchaam,
en alles wat ik heb; ik geloof in U
-ocr page 359-
GEBEDEN VAN DE H. BRIGITTA. 353
o eeuwige wijsheid; ik hoop in U,
o eeuwige getrouwheid; ik bemin
U, o eeuwige goedheid. Amen.
VIJFTIEN GEBEDEN VAN DE
H. BRIGITTA.
Het 1. Gebed.
ö Heer Jesus Christus! eeuwige
zoetheid dergenen dieU beminnen;
vreugde die alle blijdschap en elk
verlangen te bovengaat; zaligheid
en liefhebber der zondaren die
leedwezen hebben; die zelve ge-
tuigd hebt, dat het uw wellust is
met de kinderen der menschen te
verkeeremmenschgewordenzijnde
op het einde der tijden: gedenk alle
zorgen en de innige droefheid, die
Gij van het begin uwer aanneming
van de menschelijke natuur ver-
dragen hebt. vooral ten tijde van
uw allerbitterst lijden, dat Gij in uw
-ocr page 360-
854        VIJFTIEN GEBEDEN
goddelijk hart van eeuwigheid af
hadt voorbeschikt: gedeukdedroef-
heid en bitterheid, die Gij, volgens
uwe eigene getuigenis, in uwe ziel
hebt geleden, toen Gij zeidet: mijne
ziel is bedroefd tot den dood toe; Ook
toeuGijiuhetlaatsteavondmaaluw
heiligLigchaain en Bloed aan uwe
Leerlingen gegeven hebt, huuue
voeten ge wasschen en hen liefderijk
troostende, hun uw aanstaande lij-
den hebt voorspeld. Gedenk de
ontroering, angst en pijn, die Gij,
voor uw lijden des kruises, in uw
teeder ligchaam hebtondervonden,
toen Gij, na driemaal bidden en
bloedig zweeten, van uwe eigene
Leerlingen overgeleverd, van uw
bemind volk gevangen, van valsche
getuigen betigt, van drie regters
onregtvaardig veroordeeld, in |de
uitverkorene stad, op Pasenen, in
de bloeijende jeugd uws levens,
onschuldig werdt verwezen, over-
-ocr page 361-
VAN DE H. BKIGITTA. 855
geleverd, bespogen, van uwe klee-
ileren beroofd, met vreemde klee-
dereu gekleed, mishandeld, met
toegebonden oogen en iu uw aau-
gezigt met vuistslagen geslagen,
gegeeseld, met doornen gekroond,
meteen riet op het hoofd geslagen,
en met ontelbare andere verguizin-
gen overladen werdt. O allerzoetste
Jesus! door de gedachtenis aan deze
pijnen en smarten, wil mij toch
verleenen, nu en bij mijnen dood,
een waarachtig berouw over mijne
zonden, eene opregte biecht, be-
hoorlijke voldoening en volle kwijt-
schelding van al mijne zonden. Am.
Weesgegroet, allerzoetste en goe-
dertierensteHeer Jesus Christus, en
ontferm U over ons, zondaars. Am.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Het II. Gebed.
6 Jesus Christus! waarachtige
rijkdom der engelen en paradijs
-ocr page 362-
856         VIJFTIEN GEBEDEN
der wellusten! gedenk den schrik
en de gruwelen, die Gij verdroegt,
toen uwe vijanden als bloeddors-
tige tijgers U omringden, U be-
spogen, sloegen, krabden, en an-
dere ongehoorde pijnen aandeden.
Door al de smadelijke woorden,
harde slagen en pijnigingen, die
U, Heer Jesus Christus, uwe vij-
anden hebben aangedaan, bid ik
U, dat Gij mij wilt verlossen van al
mijne vijanden, zienlijke en on-
zienlijke; dat Gij mij vergunnen
wilt, onder de schaduw uwer
vleugelen de zoete rust der eeu-
wige zaligheid te mogen vinden.
Wees gegroet, allerzoetste en al-
lerschoonste Heer Jesus Christus,
ontferm U over ons, zondaars. Am.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Het III. Gebed.
6 Heer Jesus Christus! Bouw-
meester en Schepper der wereld,
-ocr page 363-
VAN DE H. BRIGITTA. 85 i
die met geene maat noch palen kan
gemeten worden; die hemel en
aarde in uwe hand bevat: gedenk
de bittere pijnen die Gij verclroegt,
toen men uwe allerheiligste handen
eerst met nagelen aan het kruis
gehecht heeft, en men daarna over-
gaande om uwe voeten te doorwon-
den , en Gij niet naar hunnen wil
hingt, men uwe wonden pijn boven
pijn heeft aangedaan, en men U zoo
ongenadig heeft heen en weer ge-
trokken en uitgerekt inde lengte en
breedte des kruises, dat al de zenu-
wen uwer ledematen vertrokken
werden. Ik bid U, Heer JesusChris-
tus, door de gedachtenis aan deze
allerhevigsteenbitterstepijnenaan
het kruis, dat Gij mij uwe vrees en
liefde wilt verleenen. Amen.
Weesgegroet, allerzoetste en goe-
dertierensteHeerJesusChristns,en
ontfermU over ons, arme zondaars.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
-ocr page 364-
358         VIJFTIEN GEBEDEN
Het IV. Gebed.
ó Heer Jesus Christus, hemelsche
Geneesheer! gedenk de kwalen, pij-
ïien en smarten, die Gij, op denhoo-
gen stam deskruises verheven zijn-
de. iiebt verdragen aan al uwe al-
lerheiligste doorscheurde leden,
zoodanig dat er geenepijn te vinden
is, die bij uwe pijn kan vergeleken
worden; want van het onderste uwer
voeten tot den top uws hoofds was
inUgeene gezondheid. En alsdan
alle pijnen vergetende, hebt Gij den
Vader voor uwe vijanden liefderijk
gebeden, zeggende : Vader! vergeef
het hun, want zij weten niet wat zij
doen. Door deze uwe wonderlijke
liefde en barmhartigheid, en om
de gedachtenis aan deze uwe zoo
groote pijnen, vergun dat deze ge-
dachtenis aan uw allerbitterst lij-
den mij volkomene kwijtschelding
aller zonden verwerve. Amen.
-ocr page 365-
VAN DE H. BRIGITTA. 859
Wees gegroet, allerzoetste en
barmhartigsteHeerJesus Christus,
enontferniÜoverons,zoudaars.Am.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Het V. Gebed.
ö Heer Jesns Christus, spiegel
der eeuwige klaarheid! gedenk de
droefheid welke Gij gehad hebt,toen
Gij in den spiegel uwer goddelijke
Majesteit, het getal der uitverkoor-
nenoverziende, die door deverdien-
sten uws lijdens zouden zalig wor-
den, ook de verwerping der boo-
zen en de menigte der verdoemden
gezien hebt, die om hunne boosheid
zouden verloren gaan. Door den af-
grond uws medelij dens, dat Gij over
de verlorene en verlatene zondaars
toondet, en door het allerzoetste
woord, dat Gij den moordenaar aan
hetkruishebtlatenhooren, zeggen-
de : heden zult gij met mij wezen in het
Paradijs, bid ik U, goedertierene
-ocr page 366-
360         VIJFTIEN GEBEDEN
Jesus, dat Gij mij barmhartig wilt
ziju ia het uur mijas doods. Amen.
Wees gegroet, allerzoetste eu ho-
nigvloeijendeHeer Jesus Christus,
eaoatfermlIoveroas,zoadaars.Aai.
Oaze Vader, Weesgegroet, eoz.
Het VI. Gebed.
ö Heer Jesus Christus, liefelijke
Kouiug ea aaageaame Vriead! ge-
deak de smartea welke Gij hadt,
toea Gij aaakt ea ellendig aan het
kruis gehaugea hebt; toen uwe
vrienden en bekenden van verre
stonden, en Gij geenen troost vondt,
dan alleen bij uwe beminde Moe-
der, die U in uwen uitersten nood
trouwhartig bijstaande, en mede-
lijden hebbende, Gij uwen .Apostel
hebt aanbevolen, zeggende: Vrouw,
zie uwen zoon;
en tot den Apostel:
zie uwe Moeder. Ik bid U, goeder-
tierenste Jesus, door het zwaard
des tijdens, dat toen uwe ziel
doordrong, dat Gy mij wilt te
-ocr page 367-
VAN DE H. BRIGUTTA. 361
hulp komen in alle ligchamelijke
en geestelijke moeijelijkneden; en
verleen mij troost, blijdschap en
bijstand ten allen tijde in mijne
kwellingen benaauwdheid. Amen.
Wees gegroet, allerzoetste en aan-
genaamste Heer Jesus Christus, en
ontfermUover ons, zondaars. Am.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Het VII. Gebed.
6 Heer Jesus Christus! altij d vloei-
jende bron van genade, die aan het
kruis uit opregte genegenheid en
liefde gezegd hebt: ik heb dorst, te
weten naar de zaligheid van het
menschelij k geslacht: ontsteek toch
onze begeerte tot alle goede werken,
en wil in ons geheel stillen en uit-
blusschen den dorst der vleesche-
lijke begeerten, en den brand der
wereldsche liefde en wellusten. Am.
Wees gegroet, allerzoetste en
allerliefste Heer Jesus Christus, en
ontferm U over ons, zondaars. Amen.
-ocr page 368-
362         VIJFTIEN" GEBEDEN
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Het VIII. Gebed.
ó Heer Jesus Christus, zoetheid
des harten en grootste genoegen der
zielen! door de bitterheid des azijns
endergal,welkeGijvooronsaaunet
kruis gesmaakt hebt: vergun ons,
ellendige zondaars, dat wij uw lig-
chaam en bloed ten allen tijde, en
vooral in het uur onzes doods, waar-
dig mogen ontvangen, tot gene-
zing en troost onzer ziel. Amen.
Wees gegroet, o allerzoetste en
zachtmoedigste Heer Jesus Chris-
tus, en ontferm U over ons, zon-
daars. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Het IX. Gebed.
o Heer Jesus Christus, koninklijke
kracht en vreugde des harten! ge-
denk de benaauwdheid en pijn
welke Gij geleden hebt, toen Gij,
om de bitterheid des doods, en
-ocr page 369-
VAN DE H. BEIGITTA. 363
om de bitterheid der Joden, luide
riept dat Gij van God den Vader
verlaten waart, zeggende: mijn
God! mijn God! waarom hebt Gij
mij verlaten. Door deze benaauwd-
heid bid ik U, allerzoetste Jesus,
en verzoek U, o Heer mijn God!
dat Gij in de benaauwdheid des
doods van mij niet afgaat. Amen.
Wees gegroet, allerzoetste en
lij dzaamste Heer Jesus Christus, en
ontferm U over ons, zondaars. Am.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Het X. Gebed.
ö Heer Jesus Christus, begin en
einde, eenheid en sterkte in alle
gedeelten: gedenk dat Gij U zelven
om onzentwil, van het bovenste des
hoofds tot het onderste der voeten,
in eene zee van lijden verzonken
hebt.
Ik bid U, goedertierene Jesus,
door de wijdte, lengte en grootheid
uwer wonden, dat Gij mij wiltleeren
-ocr page 370-
364        VIJFTIEN GEBEDEN
in waarachtige liefde uwe geboden
te bewaren en te volbrengen. Am.
Wees gegroet, allerzoetste en
voorzienigste Heer Jesus, en ont-
ferm U over ons, zondaars. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Het XI. Gebed.
ó Heer Jesus Christus, onuitput-
bare bron der allerdiepste goed-
gunstigheid en barmhartigheid: ik
bid U, door de diepte uwer won-
den, die uw vleesch, het merg
uwer gebeenten en het binnenste
uws ligchaams doordrongen, dat
Gij mij, uwen dienaar, in zonden
bedolven, daar wilt uittrekken en
in de gaten uwer wonden voor
het aanschijn uwer gramschap ver-
bergen, tot dat uwe verbolgenheid
voorbij gaat. Amen.
Wees gegroet, allerzoetste en
allermagtigste Heer Jeeus Chris-
tus, en ontferm U over ons, zon-
daars. Amen.
-ocr page 371-
VAN DE H. BRIGITTA. 865
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Het XII. Gebed.
ö Heer Jesus Christus, spiegel
der waarheid, zegel der eendragt,
en band der liefde! gedenk uwe
ontelbare wonden, die U van het
bovenste des hoofds tot het onder-
ste der voeten doorwond hebben,
die van de booze beulen door-
scheurd en met uw heilig bloed
geverwdzijn, en al diegroote pijnen
welke Gij in uw maagdelijk lig-
chaam voor ons, ondankbare zon-
daars, hebt verdragen. Goedertie-
ren Jesus! wat hadt Gij nog meer
kunnen doen, dat Gij niet gedaan
hebt? Grif toch al uwe wonden
in mijn hart met uw dierbaar bloed,
opdat ik daar in uwe pijnen en
liefde mag wezen, en dat de ge-
dachtenis derzelve altijd in het ver-
borgenste mijns harten blijve; dat
ook de pijn uws lijdens in mij
dagelijks vernieuwd en mijne liefde
-ocr page 372-
366        VIJFTIEN GEBEDEN
tot U vermeerderd worde, en dat
ik gestadig tot het einde mijns
levens in dankbaarheid moge vol-
harden, tot dat ik den hoogsten
schat van alle goederen en blijd-
schappen verkrijg, welken Gij mij
vergunnen wilt, Heer Jesus Chris-
tus, mijn allerzoetste leven. Amen.
Wees gegroet, allerzoetste en
minzaamste Heer Jesus Christus, en
ontferm Uover ons, zondaars. Am.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Het XIII. Gebed.
ö Heer Jesus Christus, aller-
sterkste, onsterfelijke en onver-
winbare Koning! gedenk de be-
naauwdheid en pijnen welke Gij
geleden hebt, toen U al de krachten
des ligchaanis en des harten bege-
ven hadden, en Gij met gebogen
hoofde zeidet: het is volbragt. Door
die benaauwdheid en pijnen, ont-
ferm U mijner op het einde mijns
-ocr page 373-
VAN DE H. BBIGITTA. 807
levens,alsmijneziel beangsten mijn
geest ontsteld zal zijn. Amen.
Weesgegroet,allerzoetste en al-
leredelste Heer Jesus Christus, en
ontferm Uover ons, zondaars. Am.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Het XIV. Gebed.
o Heer Jesns Christus, eenigge-
boren Zoon des hoogsten Vaders!
het schijnsel en afbeeldsel zijns we-
zens: gedenk de hartelijke woorden
waarmede Gij uwen geest aan den
Vader bevolen hebt, zeggende:
Vader! in uwe handen beveel ik taij-
nen qeest: toen Gij, nw ligchaam
doorwond zijnde en de binnenste
schatkamer uwer barmhartigheid
openende, gestorven zijt om ons
te verlossen. Door dezen uwen dier-
baren dood, bid ik U, Heer Jesus
Christus, Koning der Heiligen!
versterk mij, om den duivel, de
wereld en het vleesch te weder-
staau, opdat ik deze en mij zei ven
-ocr page 374-
36S         VIJFTIEN GEBEDEN
afgestorven, in U alleen moge
leven. Wil in het uiterste uur des
verscheidens mijne ziel, mijnen
geest, die balling en vreemdeling
is, totU wederkeerende, vriende-
lijk ontvangen.
Wees gegroet, allerzoetste en
klaarschijnende Heer JesusChris-
tus, en ontferm U over ons, zon-
daars. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Het XV. Gebed.
ö Heer Jesus Christus, waarachtige
en vruchtbare wijngaard! gedenk
de overvloedige uitstorting uws
bloeds, dat Gij uit uw ligchaam ,
als eene uitgeperste wijndruif, in
groote menigte vergoten hebt, zoo
dat niet het minste druppeltje in U
gebleven is,toen Gij aan het kruis de
wijnpers alleen getreden hebt, en
ons uit uwe heilige zijde, die door
den speer des krijgsmans doorsto-
ken was, bloed en water geschonken
-ocr page 375-
VAN DE H. BEIGITTA.        369
hebt. Door dit uw allerbitterst lij-
den en het vergieten uws dierbaren
bloeds, bid ik U, allerzoetste Heer
Jesus Christus, dat Gij in mijnen
doodstrijd mijne ziel tot U wilt ne-
men. En terwijl ik leef, doorwond
mijn hart met uwe liefde, opdat de
tranen van leedwezen en liefde
mijn brood dag en nacht mogen
weken. Trek mij geheel tot U, op-
dat mijn hart altijd uwe woonplaats,
en het einde mijns levens zoo zalig
moge wezen, dat ik na dit leven
U in eeuwigheid mag loven en ge-
nieten , in al uwe heiligheid. Amen.
Wees gegroet, allerzoetste en
roemwaardigste Heer Jesus Chris-
tus, en ontferm U over ons, zon-
daars. Amen. Onze Vader, enz.
Het volgende gebed moet men na deze
gebeden lezen, als zijnde het zegel
dezer gebeden.
Heer Jesus Christus! Zoon des
24
I
\\
-ocr page 376-
370 GEBEDEN VAN DE H. BRIGITTA.
levenden Gods! verwaardigU mijne
gebeden te ontvangen en te ver-
hooren, in uwe hooge en verhe-
vene liefde, waarmede Gij, om
het menschelijk geslacht zalig te
maken, naar den wil des Vaders,
al de wonden in uw allerheiligste
ligchaam hebt ontvangen. Ontferm
U over mij en over mijne ouders,
maagschap, weldoeners, vrienden
en vijanden. Ontferm U, Heer Je-
sus Christus, over onzen Paus.
die Gij tot opperhoofd uwer hei-
lige Kerk hebt aangesteld; ook
over alle bisschoppen, koningen
en vorsten, en allen die het chris-
telijk geloof lief hebben, zoo
levenden als dooden. Geef hun
barmhartigheid, genade, vergif-
fenis van alle zonden, en het
eeuwige leven. Amen.
i
-ocr page 377-
4^»^^S=jQ==-Q=^ter1^;-g^^.^>-
;=©=>
UUR VAN ZALIGHEID EN BARMHARTIGHEID,
waarop Jesus Christus voor ons
gestorven is.
Het is zeer te beklagen, dat de
Christenen zoo ongelukkiglijk dit
uur van zaligheiden barmhartigheidver-
geten, waarop Christus voor hen
eenen zoo schandelijken en pijnlij-
kendood ondergaan heeft, en zulks
uit zuivere en onuitsprekelijke
liefde. De duivelen zelfs hebben
somtijds door den mond van beze-
tenen op dit uur geroepen, dat het
dit uur is, waarop de Allerhoog-
ste voor den mensch gestorven is,
en dat zij blijde zijn, omdat de
menschen zoo weinig op dit uur
denken; dat zij hun dat verwijten
zullen in den dag des oordeels,
en dat zij trachten de gedachte-
nis van dit uur uit hun geheugen
-ocr page 378-
372 UUR VAN ZALIGHEID
te nemen. Welk eene schande voor
eenen Christen, dat hij dit uur
van genade en barmhartigheid
vergeet, en hierdoor aan den dui-
vel gelegenheid geeft daarover
roem te dragen. Anders hebben ver-
scheidene Heiligen gehandeld, die
eene bijzondere godsvrucht hadden
tot deze drie uren, op welke Chris-
tus levende aan het kruis gehangen
heeft, en als eene verzoenende offer-
ande in de allergrootste pijnen en
verlatenheid, de misdadige wereld
met zijnen vergramden Vader heeft
verzoend, voor ons lijdende en bid-
dende, opdat wij zouden leven. Op
die uren zochten zij de eenzaamheid
zoo veel zij konden (gelijk wij ook
behoorente doen), om de pijnen,
de liefde en den dood van hunnen
stervenden God in eenzaamheid te
gedenken. De aarde beefde, de
steenrotsen scheurden, en alles was
ontsteld en beroerd op dit uur, als
-ocr page 379-
EN BARMHARTIGHEID. 373
God voor den mensch, en de Schep-
per voor zijn schepsel stierf. Alle
harten moesten nog dagelijks op dit
uur van genade en verzoening be-
roerd worden: de harten der zonda-
ren door schrik en vrees, en door
eene ware droefheid over hunne
zonden en boosheden, bedenkende
dat op dit uur God voor hen gestor-
ven is; de harten derregtvaardigen,
door liefde, schaamte, dankbaar-
heid, verwondering, aanbidding en
andere heilige bewegingen des har-
ten. Alle Christenen behoorden op
dit uur, zoo veel zij kunnen, stil te
zijn, de eenzaamheid te zoeken, op
hunne knieën te vallen, ja plat ter
aarde te liggen: de zondaars roepen-
de om genade en barmhartigheid, de
regtvaardigeu in dankbaarheid en
liefde uitbarstende. Welk een over-
vloed van genade en weldaden zou-
den wij hierdoor bekomen! Gelijk
het aan Christus zeer behaagt, dat
-ocr page 380-
374 UUR VAN ZALIGHEID
wij zijn heilig lijden gedachtig zijn,
engüdvruchtigdaaraandenken, zoo
zal het hem ten uiterste aangenaam,
en ons zeer voordeeligzijn, dat wij
met eene bijzondere dankbaarheid
dit uur gedenken, op hetwelk hij
voor ons gestorven is. Gewen u
dan, Christus op dit uur daarvoor
te bedanken; offer dan u zelven
aan hem op; kniel eerbiedig neder;
vraag door zijnen dood het leven
voor u, of voor de zondaars; onder-
houd omstreeks drie uren eenigen
tijd de stilzwijgendheid; zeg of denk
godvruchtig: nu hangt Jesus met
groote pijnen aan het kruis, om mij
zalig te maken; nu sterft Jesus aan
het kruis voor ons: of lees met
aandacht het navolgende
GEBED.
Getrokken uit de werken van den
kardinaal Hosius.
O Jesus! o God van genade en
-ocr page 381-
EN BARMHARTIGHEID. 375
barmhartigheid! het is mij uit den
grond mijns harten leed, dat ik tot
nu toe zoo weinig gedacht heb op
dit uur, op hetwelk Gij voor mij
met zoo veel liefde gestorven zijt;
ik heb dit uur zoo menigmaal laten
voorbijgaan, zonder U voor dien
dood en voor uwe liefde te danken.
Het is mij leed; ik vraag ootmoedig
vergiffenis, en hoop door de kracht
uwer genade, dit gelukkige uur
voortaan met meer dankbaarheid
en wederliefde te overdenken. Ik
hoop het, Heer Jesus, en vraag
het van U voor mij en voor alle
menschen, door de verdiensten
van uwen heiligen dood.
Ik dank U, Heer Jesus, dat Gij op
dituur voor mij, ellendig en ondank-
baar schepsel, zulk eenen schande-
lijken en pijnlijken dood geleden
hebt; ik breng voor Ude verdiensten
van uw lijden, de verdiensten van
uw kruis, de verdiensten van uwen
-ocr page 382-
376 UUR VAN ZALIGHEID
dood; want al zij t Gij mij n regter, Gij
zij t ook mijn Zaligmaker; ik wil an-
derszins met U in het regt niet tre-
den: als stellende tusschen U en
mijne zondige ziel, uwe heilige ver-
diensten en verzoenenden dood.
Geef mij, o stervende Jesus, geef
mij en alle inenschen, door uwen
heiligen en pijnlijken dood, aan
de zonden en aan al wat buiten
U is te sterven, om voortaan al-
leen voor U te leven.
o Heer Jesus! door uwen heiligen
dood, geef tochop dit uur aan eenige
zondaars het leven; doe hen barm-
hartigheid, omdat Gij voor alle
zondaars op dit uur gestorven zijt.
Gekruiste Jesus! door uwen dood,
bloed en heilige wonden, vergeef mij
alle bekende en onbekende zonden.
6 Hemelsche Vader! Vader van
barmhartigheid! ik offer U op uwen
all erlief sten Zoon, hangende aan het
kruis,geheelverscheurd,mismaakt,
-ocr page 383-
EN BABMHARTIGHEID. 377
doorboord met doornen en nagelen,
en geheel bloedig stervende voor
ons. Daarom, al ishet dat mijneboos-
heid mij van U verstoot, zijne liefde
roept mij weder en noodigt mij tot
U; ja, hoe meer mijne misdaden
mij verdrukken, bezwaren en ver-
nederen, hoe meer zijne genade mij
verheft, verheugt en vertroost; al
onze hoop is, dat wij zijne broeders
zijn, zijne lidmaten,ja zijn vleesch
en beenderen, want hij is ons hoofd.
Hij voldoetaan uwe regtvaardigheid
in alle gestrengheid en overvloedig-
heid, voor de zonden der geheele
wereld; hij bidt voor ons, hij weent
voor ons; zijne ziel is voor ons tot
den dood bedroefd; hij is in een\' ui-
tersten doodstrijd, en in eene onbe-
grijpelijke verlatenheid voor ons;
hij roept met luider stem voor ons;
hij sterft uit liefde voor ons! Ont-
vang, o Vader van genade! dit zijn
goddelijk zoenoffer; hij is onze
-ocr page 384-
378 UUR VAN ZALIGHEID
borg, hij is oiis rantsoen, hij is onze
middelaar, hij is ons leven; hij is
het Lam Gods, geheel onnoozel en
zonder vlek, dat wegneemt de zon-
den der wereld; het is het bloed,
hetgeen wij U offeren, van eenen
God voor ons vergoten; het is de
dood van eenen God, voor ons ge-
storven; het is God zelf, die uwe
liefde ons heeft gegeven, met alle
schatten zijner genade en ver-
diensten. Doe ons genade om hem,
en door zijnen dood, geef ons het
leven. Amen.
Gebed op de vinding van het heilig
Kruis.
ö God, die bij de doorluchtige
vinding vanhetheilig kruis, de won-
derteekenen van uw lijden ver-
nieuwd hebt: verleen dat wij door
den prijs van het levendmakend
hout, het eeuwige leven bekomen;
die leeft en heerscht, in eeuwigheid.
-ocr page 385-
EN BARMHARTIGHEID. 379
o Heer Jesus, die bij de door-
luchtige vinding uws zaligmaken-
den kruises, de wonderen van uw
lijden hebt vernieuwd: verleen
ons dat wij door de waarde van het
levendmakende hout, het loon des
eeuwigen levens verwerven; die
leeft en heerscht, in eeuwigheid.
Amen.
Gebed tot den stervenden Jesus.
ö Jesus, o mijn Zaligmaker !ik bid
U, om uwe gebondene handen,
en aan de zijde van Pilatus staande,
toen hij heeft geroepen: aanziet den
mensen! wees mij, arme zondaar,
genadig, en ook N. N.; ik bid U, o
lijdende Jesus! neem ons in uwe
gebondene handen van genade, en
draag ons op aan uwen hemelschen
Vader. O Vader! ik bid U, om uwen
Zoon, dien Gij als middelaar hebt
gesteld tusschen U en ons: wees mij
en N.N. genadig; ik bid U, mijn God,
mijn Al en mijn eeuwig Goed! ont-
-ocr page 386-
380 UUE VAN ZALIGHEID
ferm U onzer, nu en als wij zullen
sterven. Amen.
Ga uit, gij dochter van Sion, en
aanschouw den koning Salomon,
en de kroon waarmede hem zijne
moeder gekroond heeft in de dagen
zijner bruiloft, en in de dagen der
blijdschap zijns harten. Cantico-
rum. cap. 3. V. 11.
Zij hebben eene doornen kroon
gevlochten en hem die opgezet, en
begonnen hem te groeten, zeggen-
de : wees gegroet, Koning der
Joden. Mare. 15. v. 17.
O minzame Jesus! laat de bran-
dende honigzoete kracht van uwe
heilige wonden en goddelijke liefde,
mijn hart en ziel reinigen, en alle
genegenheden en liefde der schep-
selen verslinden, opdat ik ter liefde
van U mag leven, lijden en einde-
lijk sterven, die uit liefde tot mij
geleefd en geleden hebt, en ein-
delijk gestorven zijt. Amen.
-ocr page 387-
EN BARMHARTIGHEID. 381
Voorbeeld van den ram van Abraham.
Abraham heeft eenen ram gezien,
hangende tusschen de doornen , dien
hij daarna opgeofferd heeft.
Gen. 21.
v. 12.
GEBED.
O doornen, behagelijker dan alle
rozen, kostelijker dan diamanten,
die verheven zijn door het heilige,
waardige hoofd van dien grooten
Koning der koningen en Heer der
heeren: wie zal mij deelachtig ma-
ken aannw geluk? Ach, mogt iku
niet alleen in mijn hoofd, gelijk de
H. Catharina van Siena, maar in
het diepste mijns harten drukken!
Nu voortaan zal ik al de smar-
ten des hoofds : zorgen, pijnen,
kwellingen enmoeijelijkheden, van
welken aard ook, voor weldaden
en genade ontvangen, ter liefde van
mijnen Zaligmaker; want het be-
taamt niet, dat, als het hoofd met
-ocr page 388-
382        UUR VAN ZALIGHEID
doornen gekroond is, een lidmaat
zonder lijden, veel minder onge-
duldig zoude zijn. Amen.
Pilatus zegt hun : aanziet den
mensen; zij riepen : kruist hem,
kruist hem! Joanu. 19. v. 6.
Voorbeeld van Job.
De spiegel der geduldigheid, Job,
was van het hoofd tot de voeten vol
zweeren; daarbij werd hij van zijne
huisvrouw gelastei^d.
Job. 2.
GEBED.
Ziedaar is de God-mensch, de
Schepper der menschen, zoo on-
menschelijk mishandeld van de
menschen! Uw droevig stilzwijgen,
o zoetste Jesus, klinkt in mij ne ooren
en vraagt mij: o mensch! wat heb
ik u ooit misdaan ? of waarmede
heb ik u ooit bedroefd? antwoord
mij. Ik heb u met genade gekroond,
ik heb uwe handen met weldaden
gevuld, aan uwe ziel en ligchaam
-ocr page 389-
EN BARMHARTIGHEID. 883
het leven bewaard, en gij hebt mijn
hoofd met doornen doorstoken,
mijne handen met een spotriet ont-
eerd, mijn ligchaam doorwond,
mijne ziel benaauwd; en wilt gij
nog meerzondigen? dat is, wilt gij
nogroepen: kruist hem, kruisthem!
Tot nog toe heb ik U, o liefste
God, zoo dikwijls bedroefd! Ach,
mijne oogen vloeijen van tranen;
hart en ziel smelten van berouw,
dat ik Gods goedheid zoo dikwijls
vergramd heb. Nu niet meer, o
Heer! nu niet meer! Amen.
Zijn kruis dragende, is hij uit-
gegaan naar de plaats die Kalvarië
genoemd wordt. Joan. 19. v. 17.
Voorbeeld van Izaak.
De gehoorzame Izaak draagt liet
hout op zijne schouderen, op liet-
welk hij zoude opgeoffwd xuoi^den.
Gen. 22. v. 5.
-ocr page 390-
384 UUR VAN ZALIGHEID.
GEBED.
O hemelsche Vader! indien uwe
eenigeZoon, mijn God, zoo gewillig
en vaardig het zware kruis gedra-
gen heeft om U gehoorzaam te we-
zen; hoe zoude ik het kleine kruis,
datU behaagde mij op te leggen,
van mijnen hals durven schudden
en uwen heiligen wil tegen staan V
Ik voeg en onderwerp mij Heer,
aan uwe goddelijke Majesteit, om
alles te dragen en alles te lijden
wat U belieft: ik eer, ik bemin,
ik omhels uwen wil, boven alle ge-
schapene zaken, en het lijden dat
mij van uwe heilige handen toege-
zonden wordt, acht ik boven alle
wellusten en vreugden der wereld;
laat mij in dezen wil leven en ster-
ven , door de kracht des heiligen
kruises van uwen Zoon Jesus Chris-
tus. Amen.
Gebed.
Luister naar mijn gebed, o Heer
-ocr page 391-
EN BARMHAETIGHEID. 385
mijn God, e n dat uwe barmhartig-
heid mijne begeerte wil verhooren.
Wees mij genadig, Heer, en ver-
hoor mij, daar ik uwen godde-
delijken wil volbrengen wil; ikbe-
geernocli goud, noch zilver, noch
kostelijke gesteenten, noch prach-
tighuisraad, noch eer, noch aan-
zien, noch zinnelijke wellusten;
geef mij niets dan het noodzake-
lijke tot onderhoud van dit vergan-
kelijke leven, hetwelk ons volgens
uwe beloften moet toegeworpen
worden, als wij U en uwe regtvaar-
digheid boven alles zoeken. Zie, o
Heer! waaruit mijne begeerte alleen
voortkomt; aanzie, o almagtige Va-
der ! overdenk ze en keur ze goed;
maak, door uwe barmhartigheid,
dat ik genade vinde in uwe tegen-
woordigheid. Ik bidU, door Jesus
Christus, uwen Zoon, den Man uwer
regterhand, en den Zoon des men-
schen, dien Gij als middelaar tus-
25
-ocr page 392-
386 UUR VAN ZALIGHEID, ENZ.
schenUenons gesteld hebt,en door
Wien Gij ons gezocht hebt, als wij
U nog niet zochten, en ons gezocht
hebt, opdat wij U zonden zoeken :
ik bid U, door uw eeuwig Woord,
door hetwelk Gij alle dingen en dus
ook mij geschapen hebt : ik bid
uwen eenigen Zoon, door Wien Gij
alle geloovigen tot de kennis van
U geroepen, en hen als uwe kin-
deren hebt aangenomen, onder
welk getal Gij mij ook gelieft te
stellen; en ik bid LT, door Hem die
zit aan de regterhand van uwen
hemelschen Vader, die zonder op-
houden voor ons bidt, en in Wien
alle schatten van wijsheid en we-
teuschap verborgen zijn; om Hem
bid ik U, o hemelsche Vader, wees
mij barmhartig, en zie mijne ziel
aan. O Heer, mijn God! die het
licht zijt der blinden, en de kracht
der kranken. Amen.
-ocr page 393-
ONZE VADER,
ter eere van het heilige Hart van onzen Heer
JESUS CHRISTUS.
Bestaande uit vijf groote en uit drie-
en- dertig kleine parels. In plaats
van het Geloof, zegt men het volgen-
de Gebed:
Ziel van Christus, heilig mij.
Hart van Christus, ontsteek mij.
Ligchaam van Christus, maak mij zalig.
Bloed van Christus, verheug mij.
Lijden van Christus, versterk mij.
Moeder van Christus, bid voor mij.
0 goede Jesus! verhoor mij.
Binnen in uwe wonden, verberg mij.
Gedoog niet dat ik van U gescheiden word e.
^oor den boozen vijand, i)escherm mij.
In het uur des doods, roep mij.
Doe mij komen tot U.
Opdat ik U love met uwe heiligen,
"1 de eeuwen der eeuwen. Amen.
-ocr page 394-
388             ONZE VADER.
Voor iedere groote parel leest men
het volgende gebed :
Allerzoetste Jesus! maak mijn
hart gelijkvormig aan nw hart.
Aan iedere groote parel zegt men :
Wij aanbidden U, Christus, die
in den hof de allerbedroefdste zijt
geweest, en in het heilige Sakra-
ïnent van de goddeloozen nog ver-
acht wordt. Want Gij zijt alleen
heilig; Gij zijt alleen de Allerhoog-
ste. Jesus Christus.
Aan iedere kleine parel zegt men :
Ik aanbid U, o allerheiligst hart
van Christus; ontsteek mijn hart
met de goddelijke liefde, die in U
brandt.
Men bidt op het einde :
Onze Vader, Wees gegroet, en
het volgende :
-ocr page 395-
ONZE VADEE.              881)
GEBED.
Heer Jesus Christus, die door
een onuitsprekelijk wonder van
liefde, en om de harten der men-
schen geheel aan U te binden, uw
allerheiligst ligchaara tot spijs hebt
willen geven : verhoor de gebeden
der smeekenden, en vergeef de
zonden uwer belijders, over welke
Gij de genegenheden van uw aller-
zoetste hart uitstort. Sla goedgun-
stig op hen de oogen uwer aller-
barmhartigste meedoogenheid, op-
dat wij de goddelooze onteering,
verachtingen, bespottingen en hei-
ligschendingen, U door ondankbare
menschen in alle deelen der wereld
aangedaan, uit ganscher harte ver-
vloeken en beweenen, U een op-
regte dienst in dit heilige geheim
bewijzende, met de genegenheden
van uw allerheiligst hart vervuld
worden, en met waardigen lof de
-ocr page 396-
390             LITANIE VAN
genegenheden van dit goddelijk
hart in eeuwigheid mogen verhef-
fen : die leeft en heersent, met den
Vader en den heiligen Geest, in
alle eeuwigheid. Amen.
—x$x~
LITANIE VOOR DEN ZONDAG.
VAN DEN HEILIGEN JOSEF,
Bruidegom van de
Allerheiligste Maagd Maria.
Heer. ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontfermU
onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
God, heilige Geest, ontf. U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
-ocr page 397-
DEN H. JOSEF.            391
Heilige Maria, bid voor ons.
Heilige Moeder Gods,
Heilige Maagd der maagden,
Moeder van Jesus,
Josefs bruid,
Heilige Josef,
Bruidegom van Maria,
Voedsterheer van Jesus,
Man naar Gods hart,
Getrouwe en wijze dienaar, gö
Bewaarder der zuiverheid van ^
Maria,                                 |
Hulp van Maria,                      ®
Gezelschap en troost van Maria, ©
Die overgroote genade outvan- »
gen hebt door Maria,
Allerzuiverste in maagdelijk-
heid,
Allerdiepste in ootmoedigheid,
Allervurigste in liefde,
Allerhoogste in bespiegeling,
Die, volgens de getuigenis van
den heiligen Geest zelven, een
regtvaardig man zijt,
-ocr page 398-
392            LITANIE VAN
Die van het heilige geheim der
menschwording des Woords uit
den hemel zijt onderrigt, bid
voor ons.
Die met Maria, uwe getrouwe
huisvrouw, zwanger zijnde,
naar Bethlehem zijt gereisd,
Die geene plaats in de herberg
vindende, in eenen stal zijt
gaan vernachten,
                   2?
Diewaardigzijtgeweestbij Chris- ^
tus te wezen, toen hij geboren ~
en in eene kribbe gelegd werd, ®
Die Christus, besneden zijnde, g
Jesus hebt genoemd,
             
Die met Maria het kind Jesus
in den tempel den Heer hebt
opgeofferd,
Die, door den engel vermaand,
met Jesus en zijne Moeder
naar Egypte zijt gevlugt,
DienaHerodesdood,methetKind
en zijne Moeder, naar het land
van Israël wedergekeerd zijt,
-ocr page 399-
DEN H. JOSEF.            393
Die het kind Jesus, in Jeruzalem
gebleven zijnde, met Maria,
zijne moeder, met angst hebt
gezocht, bid voor ons.
Die hem na drie dagen, zittende
te midden der leeraren, met W
blijdschap gevonden hebt, p"
Aan wien de Heer der Heeren o
op dit aardrijk onderdanig is «i
geweest,                             g
Wiens lof in het Evangelie ver- 5°
meld wordt,
Man van Maria, van wie Jesus
geboren is,
Onze voorspreker, hoor ons, hei-
lige Josef.
Onze beschermer, verhoor ons,
heilige Josef.
In al onze benaauwdheden, help
ons, heilige Josef.
In het uur des doods, help ons,
heilige Josef.
Door uwe eeuwige verkiezing, help
ons, heilige Josef.
-ocr page 400-
394             LITANIE VAN
Door uwe allerzuiverste trouw,
help ons, heilige Josef.
Door al uwen arbeid en zweet.
help ons, heilige Josef.
Door al uwe deugden, help ons,
heilige Josef.
Door al uwe verdiensten, help
ons, heilige Josef.
Door al uwe gelukzaligheid, help
ons, heilige Josef.
Beschermer der kinderen, wij bid-
den u, verhoor ons.
Dat gij u wilt ge waardigen uwen ^
beminden Jesus om vergiffe-**
nis onzer zonden te bidden, §•
Dat gij u wilt gewaardigen ons g-
altoos aan uwe allerliefste g
bruid te bevelen,
Dat gij alle maagden en onge- $
trouwden uwe zuiverheid wilt g-
verwerven,                         §
Dat gij voor alle getrouwden een c
onbevlektbed en eeneheilige E
eendragt wilt verkrijgen,
-ocr page 401-
DEN H. JOSEF.           395
Dat gij alle vaders vanhuisgezinnen
in het christelijk opvoeden hun-
ner kinderen wilt behulpzaam
zijn, wij bidden u, verhoor ons.
Datgij alle vergaderingen, u met
bijzondere gedienstigheid toe- ^
gedaan, gunstig wilt wezen, «*=•\'
Dat gij allen die op uwe hulp |£
vertrouwen, altijd en overal p-
wilt beschermen.
                 e
Dat gij alle geloovige zielen <
door uwe gebeden wilt te g,
hulp komen,
                       \'0
Bruidegom van Maria,            g
Voedsterheer van Jesus,
Lam Gods, dat wegneemt de zouden
der wereld, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer.
Jesus Christus, hoor ons,
Jesus Christus, verhoor ons.
Heer, ontferm U onzer.
-ocr page 402-
396             LITANIE VAN
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Onze Vader, enz.
v. En leid ons niet in bekoring.
r. Maar verlos ons van den kwade,
v. Bid voor ons, allerzaligste Josef.
r. Opdat wij waardig worden der
beloften van Christus.
Gebed van godsvrucht tot den
heiligen Josef.
O Heilige Josef, die in de armen
van Jesus en Maria, uwe allerliefste
bruid, uit deze wereld gescheiden
zijt: wij bidden u, dat gij ons met
Jesus en Maria wilt te hulp komen,
als de dood ons leven zal eindigen,
opdat wij in de armen van Jesus,
Maria en u, onzen geest vol ver-
trouwen mogen geven : door den-
zelfden Jesus Christus onzen Heer.
Amen.
O Heer! wij bidden U, dat wij
zóó door de verdiensten des Brui-
-ocr page 403-
DEN H. JOSEF.            397
degoms uwer allerheiligste Moeder
geholpen mogen worden, dat
hetgene wij niet vermogen te
verwerven, door zijn voorbidden
ons gegeven worde. Die leeft en
heerscht, met God den Vader, in de
eenheid des heiligen Geestes, God
in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
GEBED.
tot den heiligen Josef, beschermer
der zuiverheid.
Wij bidden U, Heer, dat Gij door
de verdiensten des.Bruidegoms van
uwe Allerheiligste Moeder ons wilt
helpen, opdat wij, hetgene wij
door ons zei ven niet kunnen beko-
men, doorhem mogen verwerven;
van U, die God zijnde, leeft en
heersent, met God den Vader, in
de eenheid des heiligen Geestes, in
alle eeuwen der eeuwen. Amen.
-ocr page 404-
Litanie voor den Maandag.
VAN DEN H. STEPHANUS.
eerste Martelaar, beschermer
der vervolgden.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontfermU
onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
God, heilige Geest, Vertrooster,
ontferm U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Stephanus, bid voor ons.
Heilige Stephanus, eerste diaken,
bid voor ons.
Heilige Stephanus, eerste marte-
laar, bid voor ons.
-ocr page 405-
LIT. VAN DEN H. STEPHANUS. 399
Heilige Stephanus, opperste der
Martelaren, bid voor ons.
Opperste der Apostelen in
de martelaarskroon,
Vnnr der liefde Gods,
Verbreider van den naam
des Heeren,
Uveraar voorden roem Gods,
Beschermer van Gods eer,
«T Licht der Joodsche dwaas- ög
| heid,
                              S
I Voorvechter van Christus g
f Kerk,
                             §
v Minnaar der zuiverheid, ©
X Overvloeijende van hemel- oo
sche vertroostingen,
Onverwinbaar in tegenspoed,
Onvermoeid in den arbeid,
Zweetende onder den last
der Joden,
Door wonderbare teekeus
voor en na uwen dood
vermaard,
Verdrijver van alle ziekten,
-ocr page 406-
400             LITANIE VAN
H. Stephanus, op wekker der doo-
den, bid voor ons.
H. Stephanus, wiens lof is on-
der de Apostelen,
H. Stephanus, wiens lof is on-
der de Leeraren,
H. Stephanus, wiens lof is on-
der de Maagden,
Door al uwen arbeid en zweet, tfl
Door al uwe deugden,            ^
Door al uwe verdiensten, 5
Gij die den hemel hebt open ®
gezien,
                               §
Gij die voor uwe vijanden ge- j»
beden hebt,
Gij die voor den raad der Joden
als een engel verschenen zijt,
Gij die vol van den heiligen
Geest zijt,
Wees ons genadig, hoor ons, Heer.
Wees ons genadig, verhoor óns,
Heer.
Wij zondaren, bidden U, verhoor
ons, Heer.
-ocr page 407-
DEN H. STEPHANUS.        401
Dat Gij den ijver van den heiligen
Stepn anu s in ons wilt verwekken,
wij bidden U, verhoor ons.
Dat wij door brandende liefde
mogen ontstoken worden,
Dat wij aan zijn lijden en zijne
verdiensten mogen deelachtig ^
worden,
                                 «S:
Dat wij alle bekoringen en lis- g
ten des vijands mogen over- §:
winnen,
                                  g
Dat wij naar zijn voorbeeld q
allen arbeid en lijden uit-
liefde mogen verdragen, $
Dat wij naar zijn voorbeeld aan 3-
onze vijanden met een onge- o
veinsd hart mogen vergeven, 0
Dat wij door het vuur der chris- g
telijke liefde mogen ontsto- \'
ken worden,
Dat wij in de ware Kerk van
Christus mogen volharden,
Dat wij door het voorbidden van
den H. Stephanus, altijd in
26
-ocr page 408-
402            LITANIE VAN
het licht des geloofs mogen wan-
deleu, wij bidden U, verhoor ons.
Dat alle ongeloovigen en ket- ^
ters de duisternis der dwa- ^
ling mogen verlaten,           &
Dat wij door de hemelsche ver- gj
troostingen in tegenspoed g
versterkt mogen worden, d
Dat wij in het uur des doods, van "^
ieder verlateu zijnde, alleen 3
op U mogeu vertrouwen, cf
Dat wij door de voorspraak van ®
den H. Stephanus tot de zalig- §
heid mogen geraken,
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Heer, ontferm U onzer.
Onze Vader, enz.
-ocr page 409-
DEN H. STEPHANUS.        408
v. Bid voor ons, H. Stephauus.
r. Opdat wij waardig worden der
beloften van Christus.
Gebed.
o Heer Jesus Christus, die door
de verdiensten van uw allerbitterst
lijdeu alle Martelaren genoegzame
genade verleend hebt, om hun
bloed te storten voor uwen heili-
gen naam: verleen ons genade,
dat wij door de overvloedigheid
hunner verdiensten en de voor-
spraak uws eersten martelaars Ste-
phanus, zijne voetstappen mogen
navolgen, en met een ongeveinsd
hart hun mogen vergeven, die ons
vervolgen; opdat wij eindelijk met
hen tot de plaats der gelukzalig-
heid, in alle eeuwen mogen gera-
ken. Amen.
-ocr page 410-
404               LITANIE VAN
Gebeden tot de Heilige Drievuldigheid.
Om naar het voo rbeeld van den heiligen Stepha-
nus de Christelijke liefde te betrachten.
Vader! vergeef het hun, Onze Vader,enz.
want zij weten niet wat Onze Vader, enz.
zij doen.
                                Onze Vader, enz.
v. En zij hebben gekozen Stephanus,
r. Een man vol van geloof en van den
heiligen Geest. Actor. 6. v. 3
Lofzang.
Stephanus! gij wildet leeren
Het geheele Christendom;
Gij gingt als martelaar bekeeren,
Het Heiden- en het Jodendom;
Vrij mag u de wereld prijzen:
Uitverkoren Martelaar!
Jesus komt u eer bewijzen,
Reikt u de eerste kroone daar.
Gij, een van de klaarste lichten
Van het gansche wereldrond,
Als we op u de oogen rigten,
Zwijgt in ons de stem der zond\';
Laat ons Gods toorn niet verwekken,
Volgen steeds den weg der deugd;
Laat ons leven altijd strekken
Tot Gods eer, die ons verheugt.
-ocr page 411-
DEN H. STEPHANUS. 405
v. De Heiligen zullen zich verheugen in
den roem.
r. Zij zullen blijde zijn in hunne slaap-
kamer.
GEBED.
O heilige Martelaar Stephamis,
die in de goddelijke liefde en belij-
denis Gods zoodanig gesterkt en
bevestigdzijt geworden, dat geeue
vleeschelijke vleijerij, geene wreed-
heid der Joden, geene ijdele belof-
ten u van God hebben kunnen
afkeeren: wees mijn bijstand in
tegenspoed, opdat ik, naar uw
voorbeeld, tegen alle aanvechtin-
gen dapper strijde, de wereld en
hare goederen verachte, en door
geene bekoring overwonnen moge
worden. Amen.
-ocr page 412-
LITANIE VOOH DEN DINGSDAG.
VAN DEN H. WILLEBRORDUS,
Beschermer van Nederland.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Jesus Christus, hoor ous.
Jesus Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontfermU
onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
God, heilige Geest, ontf. U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Moeder Gods, bid voor ons.
Heilige Willebrordus, bid voor ons.
Heilige Willebrordus, wiens ont-
vangenis aan uwe moeder door
eene voorzegging is geopen-
baard, bid voor ons.
-ocr page 413-
LIT.VANDENH.WILLEBRORDUS. 407
Heilige Willebrordus, die van God
naar Nederland gezonden zijt,
bid voor ons.
Bekeerder van Nederland,
Die van uwe kindsche jaren
af zeer godvruchtig zijt ge-
weest,
2 Die nog zeer jong zijnde u
M tot het kloosterlijk leven
o hebt begeven,
-g Die de wereld en hare ge- 8
g noegens hebt verlaten, p\'
jj: Die met waken, vasten en |
o, bidden God gediend hebt, ®
J? Die uit ijvervooruwen even- ©
% mensch, om dien tot het p
ffl heilige christelijk geloof
te brengen, tot ons gezon-
den zijt,
Die eerst medegezellen ver-
zameld hebt, om ons het
heilige christelijke geloof
in te planten,
Die ons van den Paus Sergius
-ocr page 414-
408             LITANIE VAN
als aartsbisschop zijt toegezon-
den, bid voor ons.
Heilige Willebrordus, Aarts-
bisschop van Utrecht,
Beschermer van Holland,
Zeeland en Friesland,
Stichter der christelijke
kerken,
§ Bekeerder van vele zielen,
12 Die door wonderen uwe hei-
S lige leer bevestigd hebt, tü
® Helper dergenen die in nood °*
S zijn,                               c
^ Troost der bedroefden, ®
§o Die nooit iemand hebt ver- g
£ laten, die in nood zijnde 50
[2 tot u heeft geroepen,
Bekeerder der zondaren,
Verbreider van Gods naam
en eer,
Door uwen arbeid en zweet,
waarmede gij ons tot God
getrokken hebt,
Die nu in den hemel voor
-ocr page 415-
DEN H. WILLEBRORDUS. 409
uwen arbeid gekroond wordt,
bid voor ons.
Die God nu in eeuwigheid aan-
schouwt, bid voor ons.
Door uwe heilige verdiensten, help
ons, heilige YVillebrordus.
Door uwe heilige gebeden, sta ons
bij, heilige Willebrordus.
Dat gij door uwe heilige gebeden
ons land van alle ketterij en on-
gelooi\' wilt bevrijden, wij bid-
den u, heilige Willebrordus.
Dat gij voor ons wilt verkrijgen
vrede en eendragt, wij bidden
u, heilige Willebrordus.
Dat wij door uwe heilige voor-
spraak een zalig leven mogen
verkrijgen, wij bidden u, heili-
ge Willebrordus.
Dat wij door uwe heilige gebeden
eenen zaligen dood mogen ver-
werven, dit bidden wij u, hei-
lige Willebrordus.
Dat alle geloovige zielen door uwe
-ocr page 416-
410              LITANIE VAN
heilige gebeden van al hunne
pijnen mogen verlost worden,
dit bidden wij u, heilige Wille-
brordus.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
v. Bid voor ons, heilige Wille-
brordus.
r. Opdat wij waardig worden dei-
beloften van Christus.
Laat ons bidden.
Almagtige God, die ons door de
verdiensten van uwen heiligen bis-
schopWillebrordus, tot het heilige
christelijk geloof gebragt hebt :
wij bidden U, dat wij door zijne
voorspraak van alle kwaad naar
zielen ligchaam, zoo tegenwoordig
als toekomend, verlost mogen wor-
den; door Jesus Christus, onzen
Heer. Amen.
-ocr page 417-
DEN H. WILLEBEOEDUS. 411
Gebed tot den H. WïUebrordus,
Aartsbisschop van Utrecht..
ó God, die U verwaardigd hebt
den zaligen Willebrordus te zen-
den, om uwe leer aan de heide-
nen te verkondigen, opdat zij de
volmaaktste aanneming derkinde-
ren Gods zouden ontvangen: geef
ons, bidden wij, door zijne tusscnen»
spraak, een volkomene dienst in
uwen goddelijken wil, opdat in onze
dagen, het volk dat U dient, zoo
wel in verdiensten a lsingetal, moge
vermeerderd worden. Door onzen
Heer Jesus Christus, uwen Zoon,
die met U en den heiligen Geest
leeft en heerscht, in alle eeuwen
der eeuwen. Amen.
Litanie voor den Woensdag*
VAN DEN HEILIGEN DOMINICUS.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
-ocr page 418-
412              LITANIE VAN
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontferm U
onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
God, heilige Geest, ontf. U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Maria, zonder vlek ontvan-
gen, bid voor ons.
HeiligeMaria, toevlugt van den
heiligen üominicus,
Heilige Maagd der maagden, W
Heilige vader Dominicus, die p\'
van God den Vader tot eenen
waaraehtigen dienaar zijt 8
verkoren,
                            g
Die van God den Zoon vóór uwe P
geboorte bestemd zijt, dat gij
zoudt zij n een licht der wereld,
uitverkoren uit duizenden,
Die van God den heiligen Geest
-ocr page 419-
DEN H. DOMINICÜS.        413
zij t begaafd met wonderlij ke zoet-
heid en genade, bid voor ons.
Die van de heilige Drievuldig-
heid, met de zuivere maagd
Maria, in den luister des he-
mels zoo beerlijk zijt ontvan-
gen,
Die altijd uwe toevlugt hebt ge-
nomen tot de zuivere maagd
Maria,
                                S
Dat Maria altijd onze toevlugt °\'
moge wezen,
                       S
Die van de maagdMaria zijt uit- ®
verkoren, om haren heiligen ©
rozenkrans uit te reiken aan s°
alle menschen,
Die Maria altijd hebt uitverko-
ren, om eene voorspreekster
uwer heilige orde te wezen,
Allerliefste vader,
Allergoedertierenste vader,
Allerzoetste vader,
Allerminzaamste vader,
Barmhartige vader,
-ocr page 420-
414             LITANIE VAN
Eerwaardige vader, bid voor ons.
Waarachtige krijgsman van
Christus,
Ruiter des gekruisten Jesus,
Baud der liefde in Christus,
Oveu der liefde,
x\\rke der heiligheid,
Versuiader der wereld,
Overwinnaar der boosheden,
Navolger van Christus,
           ^
Voorbeeld der ootmoedigen, g;
Beminnaar des vredes,
            <<
Licht der wereld,                   ©
Onderstand en hulp der heilige ^
Kerk,                                 g
Leidsman der dwalenden,
Bekeerder der ketters,
Waarachtige Apostel van Chr is-
tus,
Spiegel deronwankelbare gods-
vrucht,
Vertrooster der weduwen en
weezen,
Voorbeeld van ootmoedigheid,
-ocr page 421-
DEN H. DOMINICUS.          415
Beminnaar der armoede, bid voor
ons.
Voorbeeld van boetvaardigheid,
Elpenbeen van zuiverheid,
Meester van gehoorzaamheid,
Voorganger in zuiverheid, gg
Leeraar der waarheid,
            &
Koos van geduldigheid,          g
Prediker der genade,              ^
Licht der heilige Kerk,           §
Genezer der zieken,
Verwekker der dooden,
Martelaar uwer begeerten,
Vijand der duivelen,
Helper van allen die tot u vlug-
ten,
v. Bezoek uwe godvreezende vrien-
den, heilige vader Dominicus.
h. En wek hen uit den slaap des
doods.
GEBED.
O heilige vader en helper van
hen, die in hunnen nood tot u
-ocr page 422-
416              LITANIE VAN
vlugten : vertroost uwe godvruch-
tige kinderen en vrienden, en ver-
krijg voor ons van Jesus Christus,
dooruwe heilige verdiensten, eenen
zaligen dood. Amen.
O heilige vader Dominicus! ver-
krijg ons door uwe heilige gebe-
den, datwij altijd gedenken en on-
derhouden mogen het testament,
hetwelk gij stervende uwen geeste-
lijke kinderen nagelaten hebt als
eene regte erfenis, te weten: vrede,
ootmoedigheid, zuiverheid, gewil-
lige armoede; opdat wij, uwe hei-
lige leer en deugdzame voorbeel-
den navolgende, tot den eeuwigen
vrede, waarachtige verheffing, en
in de zalige rijkdommen des Hee-
ren mogen ingaan: door denzelfden
Jesus Christus, onzen Heer. Amen.
Omes. 48.16. De Engel die mij
verlost heeft van alle kwaad, wil
de kinderen zegenen.
Job. 5.1. Roep, zoo daar iemand
-ocr page 423-
DEN H. DOMINICUS.         417
is die u antwoordt, en keer u tot
iemand van de Heiligen.
Dan. 3, 3. En wil uwe barm-
hartigheid niet wegnemen van ons,
om Abraham uwen beminde, Izaak
uwen dienaar, en Israël uwen
heilige.
De P. Barug. 3, 4. Heer, almag-
tige God van Israël! hoor naar de
gebeden des gestorvenen ïsraëls,
en van deszelfs kinderen.
Mob. 12, 12. Toen gij badt met
tranen, de dooden begraafdet en
uw middagmaal verliet, heb ik uwe
gebeden den Heer opgedragen, enz.
Sluitgebed,
o Heer Jesus! almagtige God!
die door uw lijden en hemelvaart
den hemel ontsloten, en uwe lieve
Heiligen bij uwen troon gevestigd
hebt, waar zij uw heilig aanschijn
aanschouwen: wij zeggen daarom
ÜU vrijelijk: o gij, lieve vrienden,
27
-ocr page 424-
418               LITANIE VAN
bidt voor ons; niet, o Heer, tot ver-
mindering van uwe eer, maar opdat
wij door onze lieve vrienden als
bemoedigd, tot uwe hoogste Ma-
jesteit durven opwaarts zien, om
vergiffenis van onze overgroote
misdaden te verwerven; opdat wij,
bekeerd en gezuiverd door uw hei-
lig lijden en uwen bitteren dood,
bij U in de eeuwigheid mogen zege-
vieren, en met uwe lieve Heiligen
ons verheugen. Amen.
RESPONSORIUM
van den heiligen vader Dominicus.
Wondere hoop, die gij verleendet,
Als gij hun, die gij beweendet,
In het uur van hunnen dood,
Hulp beloofdet in den nood:
Heilig, vader, onze zeden ,
Help ons eens door uw\' gebeden,
Tot der ziele zaligheid,
Die God ons heeft toegezeid.
-ocr page 425-
DEN H. DOMINICUS.           419
VERSUS.
Die door wonderen en werken,
Kranken, zieken kwaarat versterken,
Gij die stildet druk en pijn,
Wil ook mijn geneesheer zijn:
Want voor hen die rouwe dragen,
Gaat gij hulp en bijstand vragen,
Voor Gods Zoons genade-troon,
Tevens God en raenschenzoon.
Heilig, vader , als bovev.
Dank zij God, den Alvergelder;
Zijnen Zoon, onzen herstelder;
Ook den heiligen Geest daarbij,
Drie personen: één zijn zij.
Heilig, vader, als boven.
Een Onze Vader en Wees gegroet, tot uit-
roeijing der ketterij.
Antiph. Groote vader, heilige
Dominicus! wil uwe goedertierene
oogen hier altijd op ons slaan, en
in ons doodsuur ons getrouw bij-
staan.
v. Bid voor ons, heilige vader
Dominicus.
r. Opdat wij waardig worden
der beloften van Christus.
-ocr page 426-
420             LITANIE VAN
Gebed.
ö God, die uwe heilige Kerk,
door de verdiensten en leeringen
van uwen belijder, onzen heiligen
vader Dominicus, hebt willen ver-
lichten: geef dat, door zijn voorbid-
den, aan haai\' geeue hulp out-
breke in het lijdelijke, en dat zij
altijd moge toenemen in hetgeeste-
lijke; door Jesus Christus, onzen
Heer. Amen.
Litanie voor den Donderdag.
van den heiligen Franciscus
van Azië.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, die Pran-
-ocr page 427-
DEN H. FRANCISCUS.        421
ciscus tot uwen dienaar hebt
verkoren, ontferm U onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld,
die Franciscus met de teeke- Q
nen uwer heilige vijf wonden §:
hebt gezegeld,
                      |
God, heilige Geest, üie Fraucis- s
cus met vele zoetigheden hebt ^
gezalfd,
                                |
H. Drievuldigheid, eeuige waar- j|
aehtige God, die Franciscus \'
in uwe glorie hebt ontvangen,
HeiligeMaria, overgrootezoetigheid
van Franciscus, bid voor ons.
Heilige Moeder Gods, gestadige
toevlugt van Franciscus,
Heilige Maagd der maagden, g?
voorspreekster der orde van °-
Franciscus,
                          c
O serafij nsche vader Franciscus, ®
Allerminzaamste vader Fran- g
ciscus,
                                   
Allergoedertierenste vader
Franciscus,
-ocr page 428-
422             LITANIE VAN
Heilige Franciscus, vader der ar-
men, bid voor ons.
Vaandrager van Christus,
Oven der liefde,
Arke der heiligheid,
Versmader der wereld,
Spiegel van boetvaardigheid,
Overwinnaar der boosheden,
Navolger van Christus,
Voorbeeld der ootmoedigen, £
Leidsman der dwalenden, &
Onderstand der heilige Kerk, ^
Meester der gehoorzaamheid, ®
Liefhebber des vredes,
            g
Licht uws vaderlands,             
Martelaar uwer begeerte,
Voorganger in zuiverheid,
Predikant der schepselen Gods,
Vijand der booze geesten,
Dienaar der melaatschen,
Genezer der zieken,
Verwekker der dooden,
Helper van allen die tot u
vlugten,
-ocr page 429-
DEN H. FRANCISCUS.        423
v. Bezoek goedertierenlij k uwe
dienaren, heilige vader Franciscus.
r. Verwek hen allen uit den
slaap des doods.
GEBED.
o God, die uwe heilige Kerk,
door de verdiensten van den heili-
gen Franciscus, in nieuwe kinde-
ren Gods zeer vruchtbaar hebt ge-
maakt : vergun ons dat wij door
zijne navolging deaardsche dingen
versmaden, en in het genieten van
hemelsche gaven ons altijd ver-
blijden.
öHeer Jesus Christus, die toen
de wereld in liefde verkoeld was,
om onze harten te ontsteken, op
het ligchaam van den heiligen
Franciscus de teekenen uws lijdens
hebt willen vertoonen: vergun ons
genadiglijk, dat wij door zijne ver-
diensten en gebeden ook waar-
dige vruchten van boetvaardigheid
mogen voortbrengen.
-ocr page 430-
424             LITANIE VAN
o God, heilige Geest, door wiens
voorzienigheid en besturing de loop
onzes levens wordt beschikt: help
uwe dienaren, opdat wij, die met
verheuging de gedachtenis van den
roemwaardigen vader Franciscus
houden, door zijne gebeden en ver-
diensten, de eer uwer goddelijke
Majesteit eeuwig mogen genieten;
doorJesusChristus onzen Heer,die
met U en den Vader leeft en heerscht,
van eeuwigheid tot eeuwigheid. Am.
Gebed tot den H. Franciscus, sticktei*
der Minderbroeders orde.
Heer, Jesus Christus, die toen de
wereld in liefde verkoeld was, om
onze harten door het vuur uwer lief-
de weder te ontsteken, in het lig-
chaam van den H. Franciscus de
wonderteekenen van uw heilig lij-
den vernieuwd hebt: geef genadig
dat wij, door zijne verdiensten en
gebeden, gedurig ons kruis dragen
-ocr page 431-
DEN H. IGNATIUS.         425
eu waardige vruchten van boet-
vaardigheid mogen voortbrengen.
Die leeft en heerscht, met God den
Vader, in de eenheid des heiligen
Geestes, in alle eeuwen der eeu-
wen. Amen.
Litanie voor den Vrijdag.
VAN DEN H. IGNATIUS.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontfermU
onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
God, heilige Geest, Vertrooster,
ontferm U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Maria, bid voor ons.
Heilige Moeder Gods, bid voor ons.
-ocr page 432-
426            LITANIE VAN
Heilige Maagd der maagden, bid
voor ons.
Heilige vader lgnatius,
Stichter der Sociëteit Jesus,
Vuur van goddelijke liefde,
Voorganger tot de bekeering
der wereld,
Ijveraar voor Gods eere,
Door den geest van versterving-
der wereld afgestorven,
Overwinnaarvanallebegeerten, g
Versmader der wereld,
           p\'
IJverige onderwijzer der jeugd, c
Steun der Kerk van Christus §
tegen hare vijanden,           g
Bestrijder der kettersche dwa- p
lingen,
Vader der bekeerde zondaren,
Volmaakte navolger van Jesus
Christus,
Liefhebber der vrijwillige ar-
moede,
Leeraar der engelachtige zui-
verheid,
-ocr page 433-
DEN H. IGNATIUS.            427
Meester der volmaakte gehoor-
zaaniheid, bid voor ons.
Herboren uit het vuur der god-
delijke liefde,
Opgewonden door het bespie-
gelend leven,
Spiegel der ootmoedigheid,
Liefhebber der broederlijke
eendragt,                              53
Hersteller der eendragt,           °*
Eenzaamheid en stilheid des |
gemoeds,                              ®
Vijand des lediggangs en der g
zonden,                                »
Volmaakt voorbeeld des gees-
telijken levens,
Klein voor de menschen, en
groot voor God,
Minnaar der hemelsche eer,
Heer! wees ons genadig, hoor
ons, Heer.
Heer! wees ons genadig, verhoor
ons, Heer.
-ocr page 434-
428             LITANIE VAN
Wij zondaars, wij bidden U , ver-
hoor ons, Heer.
Dat wij al onze werken tot uwe
meerdere eer mogen verrigten,
Dat wij uwen heiligen naam en
roem mogen verheffen,
Dat wij tot een nieuw en heter ^
leven herboren worden, c:
Dat wij de wereld en het vleesch Sj
mogen afsterven,                     sa-
Dat wij onze boosheid en kwade o
zinnen buigen mogen,           fl
Dat wij de zonden als de pest <
mogen vlieden,                         g.
Dat wij de hoovaardigheid mo- §
gen haten,                                 *!
Dat wij de reinheid des harten g
mogen beminnen,
Dat wij het onderwijs der jeugd
helpen bevorderen,
Dat wij de aardsche goederen
leeren versmaden,
Dat wij Christus mogen navolgen,
Dat wij de armoede en het verlies
-ocr page 435-
DEN H. IGNATIUS.         429
vaii goederen gewillig mogen
dragen, wij bidden U, verhoor
ons, Heer.
Dat wij in alle zuiverheid en ^
eerbaarheid mogen volharden, 0:
Dat wij in broederl ijke eendragt g;
mogen leven,
                       g
Dat wij door de voorspraak van §
den heiligen Ignatius, klein r\\
op de wereld, en groot in den %
heniel zoeken te zijn,
          3
Dat wij naar de hemelsche en cf
eeuwige goederen mogen ®
verlangen,
                            §
Zoon Gods,                                 -03
Lam Gods, dat wegneemt de zouden
der wereld, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer.
Jesus Christus, hoor ons,
Jesus Christus, verhoor ons.
Heer, ontferm U onzer.
-ocr page 436-
430             LITANIE VAN
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Onze Vader, enz.
v. En leid ons niet in bekoring.
e. Maar verlos ons van den kwade,
v. Bid voor ons, heilige Ignatius.
r. Opdat wij waardig worden der
beloften van Christus,
v. Heer! verhoor mijn gebed.
e. En laat mijn roepen tot U komen.
GEBED.
ö God, die om de meerdere eer
uws heiligen naams te verkondi»
gen, door den heiligen Ignatius uwe
strijdende Kerk met nienwen bij-
stand hebt versterkt: verleen ons,
dat wij, door zijne hulp en navol-
ging, strijdende op de aarde, met
hem gekroond mogen worden in
den hemel; die daar leeft en
heerscht, met den Vader, in de
eenheid des heiligen Geestes, in de
eeuwen der eeuwen. Amen.
-ocr page 437-
DEN H. IGNATIUS.           481
Opregle liefdezucht van den heiligen Ignatim.
ö God! ik bemin U als uw kind,
Want Gij hebt mij het eerst bemind.
Geen vrijheid is er meer in mij,
Ik kies daarvoor uw slavernij.
Dat mijne zinnen toch niets denken,
\'t Geen uw eer zou kunnen krenken;
Dat mijn verstand ook ten allen tij\',
Met II alleen slechts bezig zij.
Al wat Gij wilt, dat wil ik mee,
En zoo Gij \'t wilt, ben ik te vree;
Gij schonkt uw gaven ten eiken stond,
Ik schenk ze TI weer uit \'s harten grond.
Ontvang dan uw gegeven goed,
Of leer hoe ik \'t gebruiken moet;
Doe, laat, geef, neem, zoo \'t U behaagt,
Ik weet dat Gij mij liefde draagt;
Dit is alleen wat ik U vraag,
Dat Gij mij mint, ik U behaag,
\'t Zij dat ik waak of slapen zal,
Geeft Gij mij dit, zoo geeft Gij \'t al.
-ocr page 438-
Litanie voor den Zaturdag.
VAN DE
BElLltiE MAAGDEN MARTELARES BARBARA.
Beschermster om niet zonder Biecht
te sterven.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Hemelsche Vader, waarachtige
God, ontferm U onzer.
Zoon Gods, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
Heilige Geest, waarachtige God,
ontferm U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Maria, bid voor ons.
Heilige Moeder Gods, bid voor ons.
Heilige Maagd der maagden, bid
voor ons.
-ocr page 439-
LITANIE VAN DE H. BAEBARA. 433
Heilige Barbara, bid voor ons.
Vriendin van God den Vader,
Maagd van God den Zoon,
Bruid van God den heiligen Geest,
Dochter van de heilige Drievul-
digheid,
Heilige maagd en martelares,
Liefhebster der zuiverheid,
Liefhebster der eendragt,
Liefhebstervanhetheiliggeloof, W
Liefhebster van alle deugden, °-
IJverige liefhebster van Chris- ©
tus heilig kruis en lijden, **
Verwinster des vleesches, g
Verwinster der duivelsche be- 5°
koringen,
Troosteres der Christenen,
Hulp in het uiterste des levens,
Bij stand in den dood van uwe
vrome dienaars en diena-
ressen,
Moeder der biecht,
Belij dster der H. Drievuldigheid,
Heilige maagd, die voor het
28
-ocr page 440-
434             LITANIE VAN
heilige geloof eenen schronielij-
ken dood zijt gestorven,
Heilige martelares, wier heilig
ligchaam met fakkelen is ver-
brand geworden,
                    g?
Wier heilige borsten afgesne- ^
den zijn geworden,
                o
Wier heilig hoofd met hamers ®
is geslagen geworden,
           ©
Wier heilig vleesch met scherpe »
haken opengehaald is gewor-
den,
Die van uwen vader zij t onthal sd,
O Jesus, bruidegom van onze be-
schermster Barbara; wij bidden
U, door hare verdiensten, laat
ons niet sterven zonder biecht.
O Jesus, bruidegom van onze be-
schermster Barbara; wij bidden
U, door hare voorspraak, laat
ons niet sterven zonder het hei-
lige Sakrament des Altaars.
O Jesus, bruidegom van onze be-
schermster Barbara; wij bidden U,
-ocr page 441-
DE H. BARBARA.           485
door haren bitteren dood, dien
zij voor uwen heiligen naam ge-
storven is, laat ons niet sterven
zonder het heilig Oliesel.
0 Jesus, liefhebber onzer zielen,
die niet begeert den dood der
zondaren, maar wel hunne be-
keering en zaligheid; wij bidden
U, door al het lijden van onze
beschermster Barbara. laat ons
niet scheiden uit deze wereld,
zonder al de middelen van onze
moeder de heilige Kerk gebruikt
te hebbeu.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons, Jesus.
Lam Gods, dat wegneemt de zon den
der wereld, verhoor ons. Jesus.
Lam Gods, dat wegn eemt cl e zo o cl en
der wereld, ontferm U onzer.
HEILIGE BARBARA.
v. Verlos ons bij nachten en dagen,
ü. Van onverwachte sterfgelagen.
-ocr page 442-
436             LITANIE VAN
GEBED
tot de heilige Barbara, beschermster
in het uur des doods.
God, die de heilige Barbara tot
troost der levenden en stervenden
hebt uitverkoren: vergun ons door
hare voorspraak, dat wij altijd in
uwe goddelijke liefde mogen leven,
en alzoo onze hoop stellen op de ver-
diensten en het bittere lijden van
Jesus Christus; opdat ons nooit de
dood der zonde verrasse, maar dat
wij met de heilige Sakramenten
der biecht, communie en heilig
oliesel in het uur des doods mogen
versterkt worden, en onbevreesd
reizen naar eene gelukkige eeuwig-
heid. Dit bidden wij, door onzen
Heer Jesus Christus. Amen.
Ander gebed tot de H. Barbara.
O H. Barbara, maagd en mar-
telares, bijzondere minnares der
-ocr page 443-
DE H. BAEBAEA.           437
allerheiligste Drievuldigheid, die
voor de eer Gods zoo schromelijke
pijnigingen met alle standvastig-
heid hebt ondergaan: wij biddenu,
voor ons te willen verkrijgen, God
hier zoodanig te dienen, dat wij,
met de laatste heilige Sakramenten
voorzien, en tegen alle listen des
duivels versterkt zijnde, hem daar-
11a voor altijd in de hemelsehe glo-
rie mogen genieten; die daar leeft
en heerscht, in alle eeuwen der
eeuwen. Amen.
—*§>•—
DE KLEINE GETIJDEN
m DEN HEILIGEN ANTOMS VAN PADUA
TE METTEN.
Ziet het kruis des Heeren; f
vlugt, gij wederspannige partij; de
leeuw van het geslacht van Juda
heeft de overhand, de wortel van
David; Alleluja, Alleluja!
-ocr page 444-
438        GETIJDEN VAN DEN
v. Heer! Gij zult mijne lippen
open doen.
e. Eu mijnen mond zal uwen lof
verkondigen.
v. God! geeft acht op mijne hulp.
e. Heer! haast U om mij te
helpen.
Eerezij den Vader, en den Zoon,
en den heiligen Geest; gelijk het
was in den beginne, nu, altijd eii
in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
LOFZANG.
Als vijf minderbroeders het leven
Voor \'t geloof hadden gegeven,
Voelde Antonius eene vlam,
Die zijn edel hart innam.
Hij laat Augustinus orde,
Om een minderbroer te worden;
Om ook zulk een vrome held,
Eens te wezen in het veld.
Gun ons, Jesus, vol genaden,
Groot in magt en groot in daden,
Dat ons uwe sterke arm,
Door Antonius bescherm.
Antipk. O vrucht van Spanje,
-ocr page 445-
H. ANTONIUS VAN PADUA. 439
gruwel der ongeloovigen, nieuw
licht van Italië, edel pand van Pa-
dua, Antonius! verleen ons de
beschermingen der genade van
Christus , opdat aan de zondaars
den korten tijd der genade niet
vruchteloos ontvalle.
v. Dat zich verblijden alle kin-
deren des Heeren.
e. En de lof van den heiligen
Antonius vermeerdere.
GEBED.
ö God, die van de heilige Kerk
genoemd wordt, wonderbaar in uwe
Heiligen; door wier voorspraak zij
bijstand gevoelt in alle kwellingen:
verleen ons, dat wij, die in den
naaia van uwen zaligen belijder
Antonius zijn vergaderd, mogen
bekomen hetgene wij verzoeken;
opdat wij beschermd worden in alle
gevaren, en nooit ophouden U te
loven en te danken : door onzen
-ocr page 446-
440        GETIJDEN VAN DEN
Heer Jesus Christus, uwen Zoon,
die met U leeft en heerscht, in de
eenheid des heiligen Geestes, door
alle eeuwen der eeuwen. Amen.
TE PRIMEN.
v. God! geef acht op mijne hulp.
e. Heer! haast U om mij te helpen.
Eere zij den Vader, enz.
LOFZANG.
Gij verdrijft de ketterijen ,
Met het woord Gods uittespreijen ,
Breekt ge \'t helsche kerk er slot,
En bevrijdt de bruid van God.
Gun ons, Jesus, vol genaden ,
Groot in magt, enz. bladz. 438.
Antiph. Door groote w onderdaan doet
hij de tanden breken,
Van \'t God vergeten volk, dat hem durft
tegenspreken,
En met hun lastertong en ongetoomden
mond,
Nu hadden menigmaal Gods waarde bruid
gewond.
v. Ontwaak, o heilige Antonius!
k. Verlos ons van alle zienlijke en on-
zienlijke vijanden.
-ocr page 447-
H. ANTONIUS VAN PADUA. 441
Gebed.
o God, die uwen heiligen belijder
Autüiiius tot eenen uitnemenden
verkondiger van uw woord gesteld,
en de heilige Kerk door zijne zalige
leeriugen zoo wonderlijk verblijd
hebt: verleen ons, dat wij, door de
voorspraak van hem die wij op
aarde tot eenen leeraar des levens
hebben gehad, hetgeen hij ons
geleerd heeft, met woorden en
werken mogen uitwerken; door
onzen Heer Jesus Christus, die
met U en den heiligen Geest leeft
en heerscht, in alle eeuwen der
eeuwen. Amen.
TE TEUTTEN.
v. God! geef acht op mijne hulp.
r. Heer! haast U om mij te helpen.
Eere zij den Vader, enz.
LOFZANG.
Water vloeide uit de steenen,
Hard versteende harten weenen;
-ocr page 448-
442        GETIJDEN VAN DEN
Ach, zijn tong, die honig vloeit,
Is met \'s hemels dauw besproeid.
Gun ons, Jesus, vol genaden,
Groot in magt, enz. blode. 438.
Antiph. Die naar U dorstig was , o, God,
die plagt te waken
Tot in den dageraad, in uwen dienst en
zaken;
En Gij die dorstig hingt, och, wil voor ons
ook zijn,
Als aan hem, een klaar licht en levende
fontein.
v. Door uwe verdiensten, allerminzaam-
ste Antonius!
r. Doe onze harten smelten in de liefde
van Christus.
GEBED.
o Allerzoetste Jesus! wil over-
vloediglijk den rijkdom uwer liefde
op onze bedorven gemoederen uit-
storten, en zuiver dezelve door de
voorspraak van den heiligen Anto-
nius van alle vlekken der zonden;
Gij, die leeft en heerscht, God, door
alle eeuwen der eeuwen. Amen.
-ocr page 449-
H. ANTONIUS VAN PADUA. 443
TE SEXTEN.
v. God! geef acht op mijne hulp.
r. Heer! haastUom mij te helpen.
Eere zij den Vader, enz.
LOFZANG.
Hij had altijd in zijn leven,
\'t Heilig kruis in \'t hart geschreven,
Droeg dit pand steeds in zijn ziel,
Dat hem nimmer moeilijk viel.
Gun ons, Jesus, vol genaden,
Groot in magt, enz. bladz. 438.
Antiph. dat alle schepselen den Heer ge-
benedijden
Van hemel, aard\' en zee; de Heer, die
ons verblijde,
Komt met een zekere hoop van \'t allerhoog-
ste goed,
Door zooveel teek enen, die hij, Antonius,
doet
v. Dat zich alle volken verblijden en ver-
heugen.
r. Die door den heiligen Antonius ge-
bragt zijn in den schoot der heilige Kerk.
GEBED.
ö God, voor wiens aangezigt de
-ocr page 450-
444        GETIJDEN VAN DEN
hemelen zelfs niet zuiver zijn: wil
ons toch genadiglijk aanschouwen,
wier vlekken Gij door het dierbaar
bloed van uwen eeuigen Zoon ver-
waardigd hebt weg te nemen; en ver-
leen ons, door de voorspraak van den
heiligen Antonius, dat wij zoo
mogen wandelen door de tijdelijke
goederen, dat onze geest altijd naar
U en de eeuwige goederen moge
wenschen en verlangen : door den
zelfden, onzen Heer Jesus Christus,
die met U leeft en heerscht, in de
eenheid des heiligen Geestes, door
alle eeuwen der eeuwen. Amen.
TE NOKTEN".
v. God! geef acht op mijne hulp-
e. Heer! haast U om mij te helpen.
Eere zij den Vader, enz.
LOFZANG
Zijne ziele wordt ontbonden,
En in eene bron verslonden,
Daar hij nn in vreugde rust,
Eeuwig zijnen dorst thans bluscht.
-ocr page 451-
H. ANTONIUS VAN PADUA. 445
Gun ons , Jesus, vol genaden ,
Goot in magt, enz. bladz. 438.
Antiph. Gelukkig Padua! verblijd u boven
maten ,
Dat zulk een groote schat is in uw schoot
gelaten,
En door God zelf u is veropenbaard,
In welk een schoon altaar hij dient te zijn
bewaard.
GEBED.
ö God! verleen ons, dat de voor-
bidding van den heiligen Antonins,
uwen belijder, uwe Kerk verblijde,
opdat zij met geestelijken onder-
stand altijd beschermd worde, en
verdiene te genieten de eeuwige
vreugde: door onzen Heer Jesus
Christus, die met U en den hei-
ligen Geest leeft en heerscht, in
de eeuwen der eeuwen. Amen.
TE VESPEREN.
v. God! geef acht op mijne hulp.
r. Heer !h aast U om mij te helpen.
Eere zij den Vader, enz.
-ocr page 452-
446 GETIJDEN VAN DEN
LOFZANG.
Toen hij zalig was gestorven,
Is zijn heilig vleesch bedorven;
Maar zijn tong, Gods lof gewend,
Bleef geheel en ongeschend.
Gun ons, Jesus, vol genaden,
Groot in magt, enz. hladz. 438.
Antiph. G zegenrijke tong , die uwen Heer
raogt prijzen,
Die tot Gods eer en roem den mensch
mogt onderwijzen,
Nu zien wij duidelijk, door zulk een
wonderdaad,
Op welk een hoogen trap gij van ver-
diensten staat.
v. De heilige Antonius zij gezegend,
r. Dien de Allerhoogste in den hemel met
roem gekroond heeft.
GEBED.
Verhoor ons, o God, onze Zalig-
raaker! dat wij door de voorspraak
van den H. Antonius, uwen belij der,
den heiligen Geest, dien Gij hebt be-
loofdaan allen die daarom vragen,
heden door zijne verdiensten waar-
-ocr page 453-
H. ANTONIUS VAN PADUA. 447
dig* mogen worden te ontvangen :
die leeft en heerscht, door alle
eeuwen der eeuwen.
TE COMPLETEN.
v. Bekeer ons God, onze Zalig-
rnaker.
v. En keer uwe gramschap van
ons.
v. God! geef acht op mijne hulp.
r. HeerlhaastU om mij te helpen.
Eere zij den Vader, enz.
LOFZANG.
Wil aan uwe dienaars geven,
Aan de dooden en die leven,
Door uw voorspraak, vol van kracht,
\'t Goed daar iedereen naar tracht.
Gun ons, Jesus, vol genaden,
Groot in magt, enz. bladz. 438.
Antiph. Nu is hij een gezel der glorie
ook geworden,
Van \'t glorieus getal der vaders van zijn
orden ,
Wier leven hij hier had gevoerd al met
er daad;
-ocr page 454-
448        GETIJDEN VAN DEN
Zie wat een kroon der deugd haar min-
naar achterlaat.
GEBED.
O goedertierenste Jesus, die
uwen belijder, den heiligen Anto-
nius, met vele kracht en won-
deren begaafd hebt: verleen ons
genadiglijk, dat hetgeen wij
met vertrouwen door zijne ver-
diensten verzoeken, door zijne
voorspraak zekerlijk mogen beko-
men; Gij die daar leeft en heerscht,
met God den Vader, in de eenheid
des heiligen Geestes, in alle eeu-
wen der eeuwen. Amen.
SLUITBEVELING.
Neem, Antonius, deez\' getijden,
\'k Doe ze te uwer eer en dank;
Tk zweer u trouw mijn leven lang.
Wil mijn ziele toch bevrijden,
En beschermen in den nood,
In den laatsten strijd der dood,
Als zij zal van \'t ligchaam scheiden,
Dat zij, na den laatsten dag ,
TT, haar leidsman, vinden mag.
-ocr page 455-
H. ANTONIUS VAN PADÜA. 449
O wil haar alsdan geleiden,
Door uw hulp en onderstand,
Tot het hemelsch Vaderland.
LITANIE
van dsa H, Antcnius van Padua.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontfermU
onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
God, heilige Geest, Vertrooster,
ontferm U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Maria, moeder en be-
schermster van den heiligen An-
tonius, bid voor ons.
Heilige Franciscus, vader en on-
29
-ocr page 456-
450         LITANIE VAN DEN
derwijzer van den heiligen An-
tonius, bid voor ons.
Heilige Antonius van Padua,
Zalige vrucht van Spanje,
Nieuw licht van Italië,
Beschermer en roem van Padua,
Apostel vau Frankrijk,
Navolger van den heiligen va-
der Franciscus,
Lelie der zuiverheid,
Kostbare parel der armoede, 5
Klaarschijnend licht der ge- a-
hoorzaamheid,
                      ^
Spiegel der boetvaardigheid, ®
Roos der geduldigheid,
            o
Vlam der liefde,                      S
Veld der heiligheid,
Pilaar der heilige Kerk,
Verkondiger der genade,
Uitroeijer der zonden,
Vertreder der wereld,
Leeraar der waarheid,
Verheffer der eere Gods,
Blinkende ster aan het uitspansel
-ocr page 457-
H. ANTONIUS VAN PADUA. 451
van de serafijnsche orde, bid
voor ons.
Arke des verbonds,
Trompet des Allerhoogsti\'U.
Voorvechter van het geloof des
hoogwaardigsten heiligen Sa-
kraments,
Brandende naar het marteldom, 5
Geesel der ketters,
                   °*
Schrik der ongeloovigen,         |
Koede der dwingelanden,         ®
IJverige liefhebber van Godshuis, «
IJver der zielen,
                       °°
Wonderbare bewerker van
wTond eren,
Beschermer bij verliesvanzaken.
Toevlugt der armen,
Gezondheid der zieken,
Vertrooster der bed nikten,
Hof van alle deugdea,
Kenner der harten,
Voorzegger der toekomende
dingen,
Verwekker der dooden,
-ocr page 458-
452            LITANIE VAN
Schroom der duivelen, bid voor ons.
Navolger der Patriarchen, ttf
Voorbeeld der Apostelen,
         £
Uitstekende onder de leeraars, ^
Roem der heiligen,
                  5
Onze allerzoetste vader en be- §
schermer,                             
Wees verzoend, spaar ons, Heer!
Wees verzoend, hoor ons, Heer!
Van alle kwaad, verlos ons, Heer!
Van alle zonden,
Van de magt des duivels,
Van pest, honger en oorlog,
Van den eeuwigen dood,
Door de verdiensten van den »
heiligen Antoiiius,                %
Door zijne brandende liefde, ™
Door zijnen ijver ter bekeering g
der zondaren,
Door zijne vurige begeerte naar Er
het marteldom,                     É§
Door de gedurige volharding
in zijne beloften van gehoor-
zaamheid, armoede en zui-
-ocr page 459-
H. ANTONIUS VAN PADUA. 453
verheid, verlos ons, Heer!
Door zijne on vermoeidheid in den
arbeid, verlos ons, Heer!
Door de wonderbare verscheiden-
heid zijner wonderen, verlos
ons, Heer!
In den dag des oordeels, verlos
ons, Heer!
Dat Gij ons wilt brengen tot een
waarachtig berouw en leed-
wezen onzer zonden,
            ^
Dat Gij het vuur der goddelijke ^\'
liefde in ons wilt ontsteken, 2!
Dat Gij ons deelachtig wilt ma- ë
ken aan de voorspraak en §
verdiensten van den heiligen c^
Antonius,
                           ^
Dat Gij ons vaderland in den %
dienst van den heiligen Anto- e-
nius wilt doen volharden, ®
Dat Gij allen die hunne toevlugt g
tot den heiligen Antonius ne- «
men, gezondheid naar ziel en
ligchaam wilt verleenen,
-ocr page 460-
454             LITANIE VAN
Dat wij, door de verdiensten van den
heiligen Antonins, in alle soorten
van deugden mogen voortgaan ,
wij bidden U. verhoor ons.
Dat Gij alle dienaars en liefhebbers
van den heiligen Antonius wilt
voorkomen in alle zegeningen ,
wij bidden U, verhoor ons.
Dat Gij U gewaardigt ons te ver-
hooren, wij bidden U, verhoor
ons.
Jesus Christus, Zoon van den le-
venden God, wij bidden U, ver-
hoor ons.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemtde zonden
der wereld, verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Onze Vader, enz.
v. En leid ons niet in bekoring.
-ocr page 461-
H. ANTONIUS VAN PADUA. 455
e. Maar verlos ons van den kwade,
v. Bid voor ons, heilige Antonius!
r. Opdat wij waardig worden der
beloften van Christus.
GEBEDEN.
O Heer Jesus Christus, die op den
goeden vrijdag, omtrent het zesde
uur,ophetaltaarmvsallerheilii>sten
kruises hebt willen verheven wor-
den, en omtrent het negende uur
uwen geest hebt gegeven in de han-
den van uwen hemelschen Vader:
wij bidden U, door uwe verdiensten,
en door de voorspraak van den hei-
ligen Antonius, wiens ziel ook op
eenen vrijdag afscheid heeft geno-
men van deze wereld, en wiens
ligchaam ten derden dage begraven
is geworden, dat wij de vruchten
uwer verlossing, onzezaligmaking,
door de voorspraak van denzelfden
beschermer, in ons gedurig mogen
gewaar worden: die met den Vader
-ocr page 462-
456 VROME GEBEDEN TOT DEN
en den heiligen Geest leeft eii
heerscht, in alle eeuwen. Amen.
Ozachtmoedigeengoedertierenste
Jesus, die uwen belijder, den heili-
gen Autonius, door menigvuldige
wonderen de wereld door vermaard
maakt: verleen ons genadiglijk,
dat wij, hetgeen wij met vertrou-
wen door zijne verdiensten ver-
zoeken, door zijne voorspraak mo-
gen bekomen; die leeft en heerscht,
met God den Vader, in de eenheid
des heiligen Geestes, in alle eeu-
wen der eeuwen. Amen.
NEGEN VROME GEBEDEN
TER KKRE
VAN DEN HEILIGEN ANTONIIJS VAN FADUA.
i.
Oroemrij keheilige vader Autoni-
us, die een licht der heilige Schrif-
tuur, een bij stand der mistroostigen
-ocr page 463-
H. ANTONIUS VAN PADUA. 457
zijt: wij bidden u, verhoor onze oot-
moedige gebeden, en verkrijg voor
ons van God zijne goddelijke genade
en hulp; dit bidden wij, door uwe
onnoozele kindschheid. Amen.
Onze, Vader, Wees gegroet, enz.
II.
O heilige Antonius, roem der
leeraren, ijverige verkondiger der
deugden en standvastige berisper
der zonden: wil ons door uw goe-
dertieren en minzaam hart bijstand
van God verwerven in al onzen
nood: dit bidden wij u, door de
jaren die gij zoo loffelijk in de orde
van den H. Augustinus doorgebragt
hebt. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
III.
O heilige Antonius, zuiver zout
der aarde, licht op den kandelaar der
heilige Kerk, stad op den berg der
-ocr page 464-
458 VROME GEBEDEN TOT DEN
bespiegeling: wij bidden u, aanhoor
onze gebeden, en verkrijg ons van
God heilige begeerten, met eene vol-
harding in dezelve; dit bidden wij,
door uw heilig leven in de orde van
den heiligen Franciscus. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
IV.
O heilige Antonius, getrouwe die-
uaarderallerheiligstemaagdMaria!
wil toch bij haar onze voorspreker
wezen, verkrijgende vergiffenison-
zer zouden en bijstand in al onzen
nood: dit bidden wij u, door de on-
uitsprekelijke genoegens, die uwe
ziel gevoelde, toen het kind Jesus
tusschen uwe armen rustte. Amen.
Onze Vadei\\ Wees gegroet, enz.
V.
O heilige Antonius, vader der
weezen en verlatene menschen,
vruchtbare regen des hemels! maak
-ocr page 465-
H. ANTONIÜS VAN PADUA. 459
onze harten vruchtbaar in deugden,
vurig in het geloof; wil ons ontvan-
gen om u te dienen, ons bescher-
mende in alle gevaren naar ziel en
ligchaam; verkrijg onseene volko-
mene liefde tot God en onzen even-
mensch: dit bidden wij u, door de
menigvuldige wondei\'en, die gij op
aarde gedaan hebt. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
VI.
O heilige Antonius, sterke zuil
der boetvaardigheid, schild tegen
alle bekoringen, zekere weg der
onwetenden! maak mij deelachtig
aan uweheiligedeugden,opdatvoor
ons het dierbaar bloed van Chris-
tus niet verloren ga, maar dat wij
in zijne heilige wonden eene ge-
ruste haven der heiligheid mogen
vinden: dit bidden wij, door uwen
heiligen dood. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
-ocr page 466-
460 VROME GEBEDEN TOT DEN
VII.
O heilige Antonius, licht van
Italië, roem van Padua, troost der
ongeloovigen! wil ons verkrijgen
een levendig geloof, eene vaste hoop
en den gewenschten prijs der glo-
rie: dit bidden wij u, door den roem-
vollen ingang uwer ziel in de he-
melsche blijdschap. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
VIII.
O heilige Antonius, levend voor-
beeld der evangelische leeraars,
troost der zieken, blijdschap der
bedroefden! wil al onze zuchten eu
gebeden totunietvergeten,gelijkgij
uwe lieve ouders niet vergeten hebt,
die zonder schuld waren ter dood
veroordeeld; maar bid God, dat hij
ons vertrooste en barmhartig zij:
dit bidden wij u, door de onbe-
grijpelijke vreugde en liefde die
nu is tusschen u en uwen heiligen
-ocr page 467-
H. ANTONIUS VAN PADUA. 461
vader Pranciscus in den hemel.
Amen.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
IX.
O heilige Antonius, zeerstiptebe-
waarder der zuiverheid, getrouwe
minnaar des heiligen kruises!
bescherm ons in onzen dood tegen
alle bekoringen, opdat wij God be-
lijden met den mond, en met het
hart mogen gevoelen Gods barm-
hartigheid : dit bidden wij u, door
de allergrootste blijdschap, die gij
in de eeuwigheid zult bezitten, in
het aanschouwen en genieten van
het goddelijk wezen. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Het dingsdagsche Lof
van den H. Antonius van Padua.
Laat ons nn, vereend in deugden,
Zingen Christus dank en lof,
Die Antonius met vreugde
Heeft gekroond in \'s hemels hof.
-ocr page 468-
462 VROME GEBEDEN TOT DEN
Die Franciscus, zijnen vader,
Heeft getracht gelijk te zijn,
Uit hem als eenen bronnen-ad er,
Vloeijende des levens wijn.
Overvloeijende de perken ,
Door den dorst des doods verstikt,
Die hij door Gods woord kwam sterken,
En met hemel-dauw verkwikt.
Hij, die naar zijn vader aardde,
Die door wonderen, wijd beroemd,
Aan het kruis hem openbaarde,
Als hij maar den titel noemt.
Die zich zelf heeft overwonnen,
Onder Gods bevrijdenis,
Is in \'t hemelrijk gekomen,
Waar niet meer te strijden is.
Dat hij ons, die hier nog strijden,
Diene tot kloekmoedigheid,
Opdat wij geen kwaad meer lijden,
Overwinnen in den strijd.
Dit wil ons de Vader geven;
Dit verleene ons ook de Zoon;
Opdat wij genadig leven,
Door den Geest, in \'s hemels troon. Amen.
ANTIPHONE.
Wilt gij nu wonderen zien ? het weenen,
kermen, zuchten,
De duivel, dood en pest, de ketterij moet
vlugten;
-ocr page 469-
DEN H. ANTONIUS VAN PADUA. 468
Wat ziekten dat het zijn, melaatschheid , die
vergaat;
Geen mensen, hoe krank hij is, die niet
gezond opstaat.
* De zee die wijkt van hem, de banden
der gevangnen
Die springen door hem los, en jong en oud
ontvangen
Door hem in allen nood, troost, hulp en
onderstand ,
En wat verloren is , komt wederom ter hand.
v. Degenen, die hem slechts zenden
hunne gebeden,
Die hebben geen gevaar , noch ramp, noch
zwarigheden,
Die moeten op de proef belijden al te
gaar,
Dat die van Padua vrij zeggen openbaar.
De zee die wijkt, enz. als boven.
Eere zij den Vader, en den Zoon, en
den heiligen Geest.
v. Bid voor ons, heilige Antonius!
r. Opdat wij waardig worden der beloften
van Christus.
GEBED.
O God! verleen ons, dat wij door
de voorbidding van den heiligen
-ocr page 470-
464 VEOME GEBEDEN TOT DEN
Antonius, uwen belijder, in uwe
heilige Kerk altijd verblijd worden,
opdat wij met geestelijken onder-
stand altijd beschermd worden, en
de eeuwige vreugde verdienen te
genieten: door onzen Heer Jesus
Christus, die leeft en heerscht, in
alle eeuwen der eeuwen. Amen.
Ander Gebed.
O goedertierene en barmhartige
God, die den heiligen Antonius zoo
uitmuntende genade hebt verleend,
dat hij door uitstekende deug-
den en heiligheid, bij U zulk een
vermogen heeft verkregen, dat door
zijne voorspraak de verblinde en
verharde gemoederen der menschen
worden verlicht en vermurwd, in
dier voege, dat de slapenden in de
schaduw des doods hierdoor van
hunnen slaap ontwaken, en tot den
weg des levens geraken : wij bid-
den U, door zijne verdiensten, dat
-ocr page 471-
H. ANTONIUS VAN PADUA. 465
gij onze harten met uwe genade al-
dus gelieft te verlichten, dat wij den
duivel, de wereld en het vleeseh
overwinnende, met genoegen onze
zaligheid mogen bewerken. Amen.
Antonius! wil ons helpen,
Die vertrouwen op uw gunst,
Wil ons kwaad ter nederstelpen,
Help ons toch tot zedekunst.
Doe de droefheid van ons vluchten,
Help ons toch in allen nood,
Ban het kermen, ban het zuchten,
Keer van ons den kwaden dood.
Maak dat wij zijn uitverkoren,
Door het plegen van de deugd;
Hebben wij ook iets verloren,
Breng het weer tot onze vreugd;
Opdat wij, van ramp ontslagen,
Die de wereld ons bereidt,
God hier minnen en behagen,
Tot ons aller zaligheid. Amen.
v. Antonius! maak dat God ons krank
gebed verhoort.
r. En het kwaad van ons verdrijft, dat
onze rust verstoort
GEBED.
Heer Jesus Christus, wiens ge-
30
-ocr page 472-
466 GEBEDEN" TOT DEN H. ANTONIUS.
noegen het is bij de kinderen der
menschen te zijn, om welke oor-
zaak Gij U zelve aan den H. Anto-
nins, om zijne kindsche zuiverheid
en minzaamheid, ook onder de ge-
daante van een kind hebt geopen-
baard, hem alle gunsten en gene-
genheid bewijzende; zoo dat Gij
hem, nu zegevierend met U heer-
schende in den hemel, niets wei-
gert, hetgeen hij voor zijne die-
naars verzoekt op de aarde : wij
bidden U, door zijne uitmuntende
zuiverheid en andere deugden,
om welke hij deze uitstekende
gunst van U heeft verkregen, dat
Gij ons gemoed van alle gebreken
gelieft te zuiveren, en er eenen
opregten ijver tot de deugd wilt
indrukken; opdat wij mogen
waardig worden te bekomen, wat
wij door de verdiensten van uwen
heiligen belijder verzoeken. Amen.
-ocr page 473-
.alte.^&g^llg..sl!<2.^te.^^
LITANIE
van de heilige Theresia.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Hemelsche Vader, waarachtige
God, ontferm U onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
God, heilige Geest, Vertrooster,
ontferm U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Maria, bid voor ons.
Heilige Josef,
                         w
Heilige Moeder Theresia, £
Serafljnsche maagd,
                <
Die van uwejeugd af vervuld zijt ®
geweestmetgoddelijkegaven, ©
Die naauwelijks acht jaren oud S
-ocr page 474-
468             LITANIE VAN
zijnde, begeerig waart naar het
martelaarschap, bid voor ons.
Die metuwen broeder gereisd zij t
naar de Mooren, om uw bloed
voor Christus te vergieten,
Die ontmoet, en van uwen oom
wedergebragtzijnds,ontroost-
baar waart, omdat u die
palmtak ontnomen was,
Die beroofd zijude van de eer des 5?
marteldoms, begeerig waart ^
naar het kluizenaars leven, ©
Die tusschen het kinderspel ••*
plagt kloosters op te rigten, §
Die in de eenzaamheid en in P°
gebeden volmaakt waart,
Die nog een kind, van God be-
straald, plagt uit te roepen :
o eeuwigheid! o eeuwigheid!
Die twaalf jaren oud, uwe moe-
der verloren hebbende, u ge-
worpenhebtvoorhetbeeldvan
Maria, en u zelve aan haar tot
dochter hebt opgedragen,
-ocr page 475-
DE H. THERESIA.         4t)9
Die twintig jaren geworden zijnde,
u begeven hebt in de orde des
bergs Carmelus, bid voor ons.
Die non zijnde, drie jaren lang
van deallerpij niijkste ziekten
overvallen, en vanhetgebrnik
uwer ledematen beroofd zijt
geworden,
Die door den H. Josef verdiend tö
hebt genezen te worden. ^
Die met de menschen te gemeen- ^
zaam geweest zijnde, door ®
Christus strengelijk zijt be- ©
rispt geworden,
                    S
Die van hem zijt genoodigd ge-
worden tot het gezelschap der
engelen,
Die verdiend hebt van hem te
hooren in het gebed : voor-
taan zult gij met de engelen
omgaan,
Die daarop wonderlijk met alle
deugden versierd zijt gewor-
den,
-ocr page 476-
470             LITANIE VAN
Maagd vol van geloof en hoop, bid
voor ons.
Brandende door eenen onuit-
bluschbaren brand der god-
delijke liefde,
Die waardig zijt geweest van
eenen Serafijn, met een gou-
den envurigenschichtderlief-
de doorschoten te worden,
Die vlammende van liefde, be- g
loofd hebt altijd te zullen doen, &
wat gij zoudt weten God het o
aangenaamste te zijn,
         ®
Die ontstoken door eenen onver- g
zadelijkenzielenijver,gewoon 5°
waart onophoudelijk de duis-
ternis der ongeloovigen en
ketters te beweenen,
Die om eenigzinshetgroot verlies
der zielen te vergelden, de op-
rigtstergewordenzijtvantwee-
en-dertig kloosters van de her-
stelde orde van Carmelus,
Die bereid waart tot het einde
-ocr page 477-
DE H. THERESIA.           471
der wereld, voor de zaligheid
van eene ziel alleen, de pijn des
vagevuurs te ondergaan, bid
voor ons.
Bruid van Christus,
Verheven door het behouden der
onschuld uws doopsels,
Die waardig geweest zijt van
Christus te hooren: voortaan
zult gij als eene ware bruid g
mijne eer beijveren,
             ^
Die belast zijt geworden door ^
den bloedigen Bruidegom, ®
medelijden te hebben met al g
zijne wonden, die hem de zon- 50
daars gedurig vernieuwen,
Allerminste doorootmoedigheid,
Die altijd begeerig waart om
veracht te worden,
Die God dikwijls gebeden hebt,
dat hij zijne gunsten voor u
zoude matigen, en zoo spoe-
dig niet al uwe zonden ver-
geten,
-ocr page 478-
472            LITANIE VAN
Uitmuntende door armoede, bid
voor ons.
Blijhartig in behoeftigheid,
Die van doodziekteop reis o ver-
vallen, van alles verlaten,
uwe gezellin, die daarom
weende, getroost hebt,
Blind in gehoorzaamheid,
Die om te gehoorzamen, zon-
der uitstel een boek met ge- W
zangen, die gij gemaakt hadt, °*
in het vuur geworpen en o
verbrand hebt,
                    ®
Begaafd met bovenmatige lijd- §
zaamheid,
                           "
Die gewoon waart uit te roepen:
lijden en sterven!
Onoverwinnelijk in vervolgin-
gen,
Onberoerd tusschen al de aan-
vechtingen en schrikkelijke
vertooningen des duivels,
Die van den duivel van de trap-
pen gesmeten, blijmoedig de
-ocr page 479-
DE H. THERESIA.          473
breuken van uwen arm hebt ver-
dragen, bid voor ous.
Wonderbaar in verstervingen,
Die door vasten, haren-kleede-
ren en ketenen uw ligchaani
hebt verscheurd,
Die u in doornen gewenteld
hebt, ter liefde van Christus,
Uitmuntende in het gebed,
Die door eene wonderbare dor- Cd
heid des geestes, achttien °*
jaren lang bitterlijk bedroefd o
zijnde, daarna met al de wel- ®
lusten des hemels zijt over- §
goten geworden,
                  "
Die dikwijls vereerd zijt gewor-
den door het aanschouwen
der menschheid van Christus,
Die in het gebed van den Heer
verdiend hebt te hooren : ik
heb op de aarde Magdalena
tot eene vriendin gehad, en
u in den hemel,
Die bij een bezoek van Chris-
-ocr page 480-
474             LITANIE VAN
tus, begaafd zijt geworden met
een kruis, schitterende van fijne
gesteenen, bid voor ons.
Die van de allerheiligste Maagd
en den heiligen Josef met een
witblinkend kleed versierd
zijt geworden,
Die van Christus meteene blin-
kende kroon zijt vereerd ge-
worden,
                                  öd
Die van de allerheiligste Maagd °"
zijt versierd geworden met |
een ketting van diamanten, ®
Die verdiend hebt van Christus o
te hooren : ware het dat ik 5
de hemel niet geschapen
hadde, om u alleen zoude ik
dien scheppen,
Die gedurig, tot den dood toe,
verkeerd hebt met de Heili-
gen en Engelen,
Die in uwen dood vereerd zijt
geweest met het bijzijn der
heilige Martelaren,
-ocr page 481-
DE H. THERESIA.         475
Die na eene opgetogenheid des
geestes, van veertien uren,door
eenen onverdragelijken brand
der goddelijke liefde gestorven
zijt, bid voor ons.
Die in de gedaante van eene g
duif gezien zijt, vlugtende p-
tot uwen Bruidegom,
           3
Die in alles een wonderbaar ®
schouwspel zijt geweest voor g
de wereld, de engelen en de s°
raenschen.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons, Jesus.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, verhoor ons, Jesus.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer.
v. Bid voor ons, heilige Theresia,
R. Opdat wij waardig worden der
beloften van Christus.
-ocr page 482-
476 LIT. VAN DE H. THEKESIA.
GEBED.
o God, die de serafijnsche maagd
Theresia, door het wonderlijke
vuur uwer liefde doorwond, met
de hemelsche gaven hebt versierd:
verleen ons dat wij, door de hulp
van hare voorspraak en hare na-
volging, van de goddelijke liefde
hier op de aarde verwond zijnde,
met haar door de volheid uwer
hemelsche gaven en gunsten ver-
sierd mogen worden in den hemel:
door Jesus Christus, onzen Heer,
die met den Vader en den heiligen
Geest leeft, in alle eeuwen der
eeuwen. Amen.
•*««•
-ocr page 483-
ZOETE BEMERKINGEN
op de zeven woorden
VAN OMES BEER JEM CHRISTUS,
hangende aan het Kruis.
Met zeveii gebeden op dezelfde woorden.
HET EERSTE WOORD.
ó Jesus! die aan ons, door uwen dood en leven,
\'t Geen ons de zonde ontnam, ten volle weer
komt geven:
Genageld aan het kruis, zijt Gij een\' offerand\',
Die om der menschen zonden in \'t vuur der liefde
brandt.
Wat hebt Gij smart en pijn en ongelijk verdragen,
Voor die, door eigen schuld, geheel verloren lagen;
En \'t leven eener ziel kost U den bitteren dood.
De welvaart van een\'slaaf, die brengt U inden nood,
Terwijl de beulen slaan, terwijl uw aders leken,
Als u de ziel begeeft, terwijl uw oogen breken,
Roept Gij den Vader aan, en midden in de pijn,
Zegt Gij nog voor hen, die de oorzaak daarvan zijn:
Vader! vergeef het hun, want zij weten, niet wat
mij doen.
Lucas XXIII, v. 34.
-ocr page 484-
478 DE ZEVEN WOORDEN VAN
GEBED.
O allerzoetste lijdzaamheid,
O wondere zachtmoedigheid,
O goedheid zonder einde of maat,
Die onze schuld te boven gaat:
In al uw lijden en verdriet,
Gij klaagt, Gij dreigt, Gij jammert niet.
O, zie mijn\' droeve tranen aan,
En hoor de bange zuchten gaan ,
Die komen uit mijn rouwig hart,
Op \'t zien uws bitteren doods vol smart.
Verschoon toch, Jesus , mijn\' misdaad,
Vergeef mij, Jesus, al mijn kwaad.
HET TWEEDE WOORD.
ó Jesus! \'t heilig bloed, dat uit veel duizend
wonden ,
Aan \'t kruishout Gij vergoot, tot boete onzerzonden:
Hoe waart Gij van gemoed, toen, middenin den dood,
Een booswicht uwe smart nog maakte eens zoo
groot!
Hij hing met U aan \'t kruis, en durfde U tegen-
spreken ;
Maar die van de andere kant, die zag uw\' oogen
breken,
Erkende U voor zijn\' Ood, en riep ootmoediglijk:
O Heer ! denk toch aan mij, als Gij komt in uw rijk.
Uw vaderlijk gemoed heeft hem zijn kwaad ver-
geven,
-ocr page 485-
ONZEN HEER JESUS CHRISTUS. 479
En met een troostvol woord beloofd het eeuwig
leven.
O woord, o minzaam woord! o, zondaar, hoor
het aan:
Laat het, tot uwen troost, u diep ter harte gaan !
Voortvaar, ik zeg u, heden zult gij met mij wezen
in het Paradijs.
XXVI, Lucas. v. 45.
GEBED.
O liefde vol barmhartigheid,
Genade vol goedgunstigheid!
Gij die geen zondaar ooit verstoot,
Al zijn zijn\' zonden nog zoo groot:
Hoor mijn belijdenis toch aan,
En laat mijn tranen tot U gaan.
Gij kent den grond van \'s menschen hart,
Gij ziet daar zijn verborgen smart,
Gij ziet dat ik op U vertrouw,
Vol hoop en tevens vol berouw;
Sta mij dan bij in stervens nood,
En schenk mij \'t leven na den dood.
HET DERDE WOORD.
o Jesus! uit een Maagd, tot ons geluk geboren,
Die Gij uit duizenden van eeuwig hadt verkoren:
Gij zaagt haar onder \'t kruis vol droefheid en
verdriet,
Omdat haar zulk een Zoon, door zulk een dood
verliet.
Joannes stond daar bij , ook uwen welbeminden;
-ocr page 486-
480 DE ZEVEN WOORDEN VAN
Gij wildet hen te zaam met nieuwe liefde binden:
Zij had een moederhart, en hij eens zoons gemoed ;
Zie wat een wonderwerk, wat woord van Jesus zoet.
Zij zag haar liefste Kind voor hare oogen sterven,
Om het menschelijk geslacht het leven te verwerven;
En daar zij even kloek gelijk een rots bleef staan ,
Zoo spreekt Gij haar voor \'t laatst met deze woor-
den aan:
Vrotiw! zie hier uwen zoon; en daarna tot den
Leerling: zie hier uwe moeder.
Joan. XIX. v. 26.
GEBED.
O droevige verandering,
O treurige verwisseling,
Helaas Maria, welk een lot!
Gij krijgt een menscji voor eenen God.
O Jesus! ik bid U, door uw pijn,
Laat haar ook mijne moeder zijn;
\'k Beveel me in uw Voorzienigheid,
Met de allermeeste ootmoedigheid:
Als ik op haar vertrouwen zal,
Moet ik niet vreezen voor den val;
\'k Wil toonen, dat, met hart en zin,
Ik haar als mijne moeder min.
HET VIERDE WOORD
6 Jesus, eeuwig Woord, geboren uit den Vader,
Door wien de schepsels zijn, en leven al te gader,
Voor wien dat alles zwicht, en voor wiens opper-
magt,
-ocr page 487-
ONZEN HEER JESUS CHRISTUS. 481
Zelfs aarde en hemel beven, en de ondermaansche
kracht.
Gij, die nog slechts een kind, een nieuwe ster
deedt schijnen,
Gij, die ziekte, pijn en onheil deedt verdwijnen,
Gij, diededooden zelfs deedt opstaan uit het graf,
Legt hier, om mijnentwil, al uwe sterkte af.
Om mij gehoorzaamheid tot \'t laatste toe te leeren
Zie ik uw heerschappij in droeve klagten keeren;
Gij laat van \'t hout des kruis uw bange zuchten
gaan,
En in mistroostigheid roept Gij den Vader aan:
Mijn God! Mijn God! waarom, hebt Gij mij
verlaten F
Marcus XXV, v. 34.
GEBED.
O droeve en wonderlijke klagt!
Waar is, o Jesus , uwe magt ?
Ik weet dat \'t mijne zonden zijn,
Die U doen klagen in de pijn,
En dat Gij, die hier voor mij lijdt,
Zeer heilig en onschuldig zijt.
Ik, die de boosheid heb gedaan,
Ach, laat niet eens een traantje gaan!
Vloeit oogen, weent, weent meer en meer,
En zijt mistroostig met den Heer.
O Jesus! door dit uw verdriet,
Verlaat mij in den doodstrijd niet.
HET VIJFDE WOORD.
ó Jesus ! zoete naam! o voedsel van mijn wenschen!
81
-ocr page 488-
482 DE ZEVEN WOORDEN VAN
o Liefde, troost en vreugd van engelen en men-
schen,
Naar wien mijn ziele jaagt, als \'t hert naar \'t water
doet:
A Schoonheid zonder end! o allerhoogste goed!
Als Gij genageld hingt aan voeten en aan handen,
6 Levende fontein! begon uw dorst te branden :
Gij dorsttetnaar mijn\' ziel, Gij wenschtet naar mijn
hart;
De dorst naar mijn geluk was oorzaak uwer smart;
Alsoi\' \'t vergoten bloed, en al die open wonden,
Van uwe zieleinin, den dorst niet laven konden.
Toen riept Gij op het laatst, in dezen bittren nood,
Met een gebroken stem, bij \'t naken van den dood:
Ik heb dorst. Joannes XIX, v. 28.
GEBED.
O zoete dorst, o lieve pijn,
Die wenscht met Jesus één te zijn!
O Jesus! stook dien zoeten brand
In mijne ziel van allen kant;
Dat ik voortaan niets meerder achte,
Of nergens naar zoo vurig trachte,
Dan U, o mijnen God en Heer,
Te willen minnen meer en meer.
Door U alleen wordt mijne lust
En dorst van mijne ziel gebluscht;
Want die U, Jesus, waarlijk mint,
In U alleen genoegen vindt.
-ocr page 489-
ONZEN HEER JESUS CHRISTUS. 483
HET ZESDE "WOORD.
o Jesus, die de schuld van mijn ontelbre
zonden,
Waardoor ik in de magt van Satan lag gebonden ,
Betaald hebt met den prijs van uw onnoozel bloed :
Wees duizendmaal gedankt, wees duizendmaal
gegroet.
Het einde was nu daar van drie-en-dertig jaren,
Die altijd vol verdriet, vol pijn en smarten waren;
Het olfer was gebragt, de vijand was geveld,
\'t Bedorven Adams zaad was nu bijna hersteld;
Gij zaagt de bleeke dood met hare schichten naken,
Gij wilt haar bitterheid tot mijn\' verlossing smaken;
Gij zegt liet, o mijn God, \'t is alles nu gedaan:
Laat vrij dit krachtig woord tot \'s hemels vier-
schaar gaan :
Het is oolbragt. Joanues XIX. v. 30.
GEBED.
O Jesus! Gij zijt al ons goed,
Gij zijt de troost van ons gemoed,
Gij zijt ons leven, onze deugd ,
Gij zijt de bron van onze vreugd,
Gij zijt de heiligheid alleen.
Gij Jesus! maak ons dit gemeen :
Maak dat wij ook zijn kloek en sterk,
Om te voltrekken \'t groote werk,
Dat U heeft smart en bloed gekost,
Eer Gij den zondaar hadt verlost.
-ocr page 490-
484 DE ZEVEN WOORDEN VAN
Help ons dan met uw sterke hand,
En breng ons in het vaderland.
HET ZEVENDE WOORD.
ö Jesus, die, om ons de regte baan te toonen
Tot \'t leven zouder dood en onverganklijk
kroonen,
Na zoo veel druk en pijn, van kracht en bloed
beroofd,
Op \'t einde nog tot ons gebogen hebt uw hoofd:
Gij, die én dood, én hel, én zonde hadt vertreden,
Hebt evenwel om hulp en bijstand hier gebeden,
En riept met luider stem nog uwen Vader aan,
Eer uw benaauwde ziel zou uit het ligchaam gaan;
Niet dat daar rede was van vreezen of van beven,
Voor hem, die door zijn dood den mensch moest
doen herleven,
Maar opdat hij U volg\', die zich ten dood bereidt,
Hebt Gij, tot onze les, dit laatste woord gezeid:
Vader! in uwe handen beveel ik mijnen geest.
Lucas. XXIII, v. 46.
GEBED
O dood, die Jesus hebt geveld,
En lucht en aarde in rouw gesteld;
O dood, o wonderlijke dood,
Die ons moet helpen in den nood!
O Jesus! help mij uit de pijn,
Als ik in stervensnood zal zijn.
Maak dat uw dood in mijn verstand
-ocr page 491-
ONZEN HEER JESUS CHRISTUS. 485
Voor altijd zij zoo diep geplant,
Dat ik voortaan met hart en zin,
De wereld niet, maar U bemin ,
Om zoo, door uw barmhartigheid ,
Te leven in alle eeuwigheid. Amen.
AANSPRAAK
van den gekruisten Jesus tot den mensen.
Mijn leven was voor u, mijn lijden en mijn
sterven;
Leef, lijd en sterf voor mij, zoo zult gij het
leven erven.
SLUITREDE.
Laat blij. laat vrij de schepsels gaan,
En zie des Scheppers liefde eens aan :
Die God vol liefde voor d mensch,
Hangt, lijdt en sterft, naar liefdes wensch
Ach, in zulk een\'gesteltenis,
Alleen de ware liefde is!
Ja, als ik alles wel bemerk ,
Dan is hier niets dan liefdewerk;
De liefde doet hier offerand\',
Een offerande in liefdebrand;
De liefde spreekt, de liefde hoort,
En buiten liefde niet één woord;
En spreekt de liefde zevenmaal,
\'t Is zevenmaal de liefdetaal;
De liefde vraagt barmhartigheid,
-ocr page 492-
486           LITANIE TAN DEN
Do liefde dorst naar zaligheid;
De liefde van die liefde leeft,
De moeder van die liefde geeft.
Eu schoon de Vader, naar den schijn,
De; Zoon verlaal in zijne pijn;
De liefde blijft. en zij verlaat
Den zondaar niet in zijn\'misdaad;
De liefde noodt, en neemt met haar,
In \'t Paradijs den moordenaar;
En nadat liefde heeft volbragt,
Al wii: :--oit liefde heeft verwacht;
De liefde geeft hier haren geest ,
En dat is liefde allermeest :
Want nooit de liefde meerder leeft,
Dan ais zij sterft en \'t leven geeft.
L ITANIE
VAN \\)M H. JOAIAH REPOMUCBBUS.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God. hemelsche Vader, ontferm
onzer.
-ocr page 493-
H. JOANNES NEPOMUCENUS. 487
God Züod, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
Gud, heilige Geest, Vertrooster,
ontferm U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Maria, bid voor ons.
Heilige Joannes Nepomucenus,
Kind van genade, door beloften
en gebeden verkregen,
Bij uwe geboorte door een £ö
wonderbaar licht vereerd, ^
in uwe jeugd door de allerheilig» o
steMaagdwonderbaargenezen, ®
Gestadige, godvruchtige die- g
naar van het heilig sacrificie j»
der Mis,
Troost en blijdschap van uwe
deugdzame ouders,
Voorbeeld van zedigheid en
godsvrucht,
Groote minnaar van de heilige
Moeder Gods,
Maagdelijknaarzielenligchaam,
-ocr page 494-
488         LITANIE VAN DEN
Zeer magtig en voorzigtig in het
spreken, bid voor ons.
Spiegel der deugd en heilig-
heid,
Onberispelijke priester in al
uwe zeden,
Apostolische man,
Ijveraar voor de zaligheid uwer
naasten,
Leeraar der evangelische waar- W
heden,                                c-
Toevlugt der boetvaardige zon- ^
daren,                                §
Uitroeijer der ketterijen,         o
Versmader der wellusten, rijk- j»
dommen en eerzucht,
Zeer milde aalmoezenier,
Vader der armen,
Beschermer der weduwen en
weezen,
Troost der bedrukten,
Vijand van alle twist en twee-
dragt,
Middelaar in twistgedingen,
-ocr page 495-
H. JOANNES NEPOMUCENUS. 489
Volmaakt voorbeeld der biecht-
vaders, bid voor ons.
Onverwinbare voorstander van
het geheim der biecht,
Kloeke beschermer der kerke-
lijke wetten,
Wonder van geduldigheid,
Vrome held in pijnigingen,
Standvastige navolger van den cd
gekruisten Jesus,                p-
Profeet, vervuld van den geest 3
Gods,                                 3
Eerste martelaar om de be- ©
waring van het zegel van »
het Sakrament der biecht,
Klaarblinkende sterre van het
rijk van Bohème,
Kostelijke schat van de stad
Praag,
Groote vriend Gods, vermaard
door menigvuldige wonde-
ren,
Getrouwe dienaar Gods, vereerd
door de wonderbare onbederf-
-ocr page 496-
490          LITANIE VAN DEN
lijkheid uwer tong, bid voor
ons.
Beschermer voor die in gevaar zijn
hunnen goeden naam te ver-
liezen, bid voor ons.
Lam Gods, dal wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zond en
der wereld, verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer.
v. Bid voor ons, heilige Joannes
Nepomucenus!
r. Opdat wij waardig worden der
beloften van Christus.
GEBED.
God, die om de onverwinbare
stilzwijgendheid van den heiligen
Joannes", in het Sakrament der
biecht, uwe Kerk met eene nieuwe
kroon des marteldoms vereerd
hebt: geef ons, door zijne voor-
spraak en voorbeeld, de tong voor-
-ocr page 497-
H. JOANNES NEPOMÜCENUS. 491
zigtig te bewaren, en liever alle
straffen op deze wereld, dan e^nig
verlies der ziel te lijden; door onzen
Heer Jesus Christus, uwen Zoon,
die met U leeft en heersckt, in de
eenheid des heiligen Geestes , in
alle eeuwen der eeuwen. Amen.
Gebed tot God den Vader.
Almagtige God, die den kui-
schen Josefvan devalsche beschul-
diging, de heilige Susanna van
alle schandvlekken, den koning
David van Saul\'s vervolging ver-
lost hebt : verleen ons, door den
heiligen Joannes Nepomucenus,
die de eer des naasten tot den dood
toe heeft voorgestaan, dat wij in
dit leven van alle oneer, en in den
dag des oordeels van de eeuwige
schande bevrijd worden; door on-
zeu Heer Jesus, enz.
Gebed tot God den Zoon.
Jesus, Zoon Gods,ontvangen van
-ocr page 498-
492         LITANIE VAN DEN
den heiligen Geest, die door den
heiligen Josef, uwen voedster-
vader , de wonderlijke waardigheid
van uwe Moederen Maagd bewaard
hebt: maak dat wij, in gevaar van
eenige lastering te lijden, den hei-
ligen Joannes Nepomucenus tot be-
schermer van onze eer mogen heb-
ben: die leeft en heerscht, met den
Vader en den heiligen Geest, enz.
Gebed tot God den heiligen Geest.
God, heilige Geest, die in de ge-
daante van vurige tongen nederda-
lende over de Apostelen, hun geleerd
hebt altijd heiliglijk en naar waar-
heid te spreken: geef ons, dat wij,
naar het voorbeeld van den H. Joan-
nes Nepomucenus, onzen naaste met
woorden mogen stichten, en alles
verzwijgen hetgeen tot zijn nadeel
kan strekken: die leeft en heerscht,
met den Vader en den Zoon, in
alle eeuwen der eeuwen. Amen.
-ocr page 499-
H. JOANNES NEPOMUCENUS. 493
Aandachtig gebed tot den H. Joan-
nes Nepomucenus, zeer krachtig
in allen nood en tegenspoed.
Zalige Joanues Nepomucenus,
man naar Gods hart, die het ge-
heim der biecht, niettegenstaande
de moeijelijkheid des kerkers, ja
zelfs des doods, onverbreekbaar
hebt gehouden, en om uwe groote
mededoogenheid tot den arme,
den naam bekomen hebt van groo-
ten aalmoezenier : ik neem tot u
mijne toevlugt als de armste der
armen, opdat Gij, in de hemelsche
glorie zijnde, mij door uwe voor-
bidding bij God wilt te hulp komen,
en hem mijne verborgene nood-
wendigheden te kennen geven;
opdat ik geen schipbreuk lij de in
vermogen of naam, en niet de spijt
mijner vijanden, de droefheid mij-
ner vrienden, of de ergernis van
anderen worde: welke genade ik
-ocr page 500-
494         LITANIE VAN DEN
door uwe voorbidding hoop te be-
komen, en God in u, en u in God
wil loven. Amen.
Bid kier driemaal het Onze Vader,
en Wees gegroet, enz.
Verheerlijkt zij God en de zalige
Joannes Neponiucenus, loffelijk en
roemwaardig daar boven in de
eeuwigheid.
Zeer krachtig gebed, om door de voor-
spraak van den heiligen Joannes
Nepomucenns, van God behoed te
worden tegen alle oneei* en openba-
re schande.
ö God, aan wien alleen alle eer
en roem toekomt: ik bid U, door de
roemrijke verdiensten van den hei-
ligen martelaar Joannes Nepomu-
cenus, mijnen zeer beminden be-
schermer, dat Gij U verwaardiget,
barmhartiglijkvanmij, mijne vrien-
den, weldoeners en vijanden alle
oneer en openbare schande af te
-ocr page 501-
H. JOANNEK NEPOMUCENUS. 495
keeren, van welken kant die ons
mogte overkomen: en vergun ons
de tijdelijke eer zoo te gebruiken,
dat wij, door een waarachtig leed-
wezen over al onze zonden, de
eeuwige schande verdienen te ont-
gaan, en gesteld worden in de he-
melsche glorie; door onzen Heer
Jesns Christus, uwen lieven Zoon,
die ons doordenschandelijken dood
des kruises verlost heeft van de
eeuwige schande, en nu met U
leeft en heerscht, God in eeu-
wigheid der eeuwighedeu. Amen.
Gebed tot den H. Joannes Nepomucenus.
Joannes, die zijt Godes Vriend,
En Jesus hebt getrouw gediend;
Die, om het zwijgen van de biecht,
Hebt moeten sterven zonder pligt:
Het loon, dat gij daardoor verwerft,
Is dat gij het hemelrijk beërft.
U roep ik aan, o heilige man!
En als ik niet meer leven kan,
Verkrijg mij dan, door uw gebed,
Dat mijne ziel zij onbesmet,
-ocr page 502-
496 LIT. VAN DEN H. JOANNES NEP.
En dat zij moge zuiver zijn,
Als ik voor \'t oordeel Gods verschijn.
O allermiuzaamste Jesus, die
uwen heiligen martelaar Joannes
Nepomucenus, voor mij en alle be-
uaauwde zielen, wegens de biecht,
tot een voorspreker bij U verko-
renhebt: ik bid U ootmoediglijk,
door de groote genade die Gij hem
verleend hebt, en door zijne hei-
lige verdiensten en krachtige voor-
spraak, wil mij in alle schande,
benaauwdheden en ontsteltenissen
van mijn geweten, eene ware hulp
en licht verleenen; opdat ik wegens
mijne zonden niet meer verward
en beschaamd mag wezen, maar
integendeel dezelve mag kennen,
onderscheiden en belijden, mijn
leven mag beteren, en U, mijnen
God, in alle rust des gewetens mag
dienen, en tot de eeuwige zalig-
heid geraken; door onzen Heer
Jesus Christus, die met U leeft en
-ocr page 503-
TOT VEESCH. HEILIGEN. 497
in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
GEBEDEN.
(In deze Gebeden kan men den naam des
Heiligen , wiens voorspraak men ver-
zoekt , tusschen voegen.)
ö Heer Jesus Christus, door
wiens leer en voorbeeld uw belij-
der N .N. ootmoedig en zachtmoedig
geworden zijnde, rust en vrede
voorzijne zielin dit leven verworven
heeft: verleen ons de genade, dat
wij hier aldus zijne voetstappen
navolgen, en eindelijk tot de plaats
der eeuwige rust mogen geraken;
die leeft en heerscht, met den Vader
en den heiligen Geest, in de eeu-
wigheid der eeuwigheden. Amen.
Antiplione.
O gelukzalige maagd N.N., bruid
van Christus, die verdiend hebt het
hemelrijk te bekomen en met Chris-
32
-ocr page 504-
498            GEBEDEN TOT
tus te heersenen; heerlijke parel! *
bid voor ons bij den Heer, bid voor
ons, o zalige ]S. N.
Gebed tot God den Vader.
Bewaar ons allen in uwe liefde, o
Heer, dit smeeken wij, uwe diena-
ren en dienaressen, door de voor-
spraak van de zalige maagd en
martelares N.N.; en verleen ons dat
wij verdienen mogen, door hare
voorspraak, mede deelachtig te
worden aan de hemelsche vreugde:
door Christus onzen Heer, die met
den Vader en den heiligen Geest
leeft enheerscht, in de eeuwigheid
der eeuwigheden. Amen.
Gebed tot God den Zoon.
ö Heer Jesus Christus, die door
de verdiensten van uwallerbitterst
lij den en dood, uwen martelaar N .N.
genoegzame genade verleend hebt
om zijn bloed voor uwen heiligen
-ocr page 505-
VEESCHEIDENE HEILIGEN. 499
naam te storten: verleen ons gena-
diglijk, dat wij door den overvloed
uwer verdiensten, en door de
voorspraak van uwen martelaar,
uwen naam mogen belijden, en
uwe versterving, o Jesus , in ons
ligchaam mogen dragen : die leeft
en heerscht, met den Vader eti den
heiligen Geest, in de eeuwigheid
der eeuwigheden. Amen.
ö Jesus Christus, Zoon van den
levenden God! door het voorbid-
den van den heiligen N.N. ontferm
U mijner.
Godvruchtig gebed.
Eer den Vader, God almagtig,
Eer den Zoon, en den Geest waarachtig,
Die uit liefde ons steeds bevrijdt,
Door den Zoon, die voor ons lijdt.
Zegen allen, klein of groot,
Geef ons spijs en het dagelijksch brood;
Geef ons wat ons is van nooden,
Om te volgen uw geboden,
\'k Dank U, God, die \'t menschdom spijst,
En ons liefde en min bewijst.
-ocr page 506-
afei^&ate!^g&ji^8g.iag&^j&<^^g^&^^a^|E^8fc£i6
LITANIE
VAN DE GODDELIJKE VOORZIENIGHEID.
God roept den mensch, maar dwingt hem niet.
Hij heeft de keus hem vrijgegeven ,
Van goed en kwaad, van dood en leven;
Hij roept, hij noodigt, hij gebiedt:
Die niet wil zien, of niet wil hooren,
Gaat door zijn eigen schuld verloren.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Jesus Christus, hoor ons.
Jesus Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontferm
U onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld, O
God, heilige Geest,
                ö;
Heilige Drievuldigheid, één God, §
Voorzienigheid Gods, waardig g
voorwerp van de liefde der ©
engelen en menschen,           |
Voorzienigheid Gods, bestuurd r*
-ocr page 507-
LIT.VANDEGODD.VOORZIENIGH. 501
door het hart van Jesus Christus,
ontferm U onzer.
Die alles bestuurt naar ge-
getal, gewigt en maat,
Hoop der zaligheid,
Troost van de reizende zie-
len,
Weg des hemels,
co Getrouwe leidster der ziel in q
o alle gevaren, om ons die p_
5 te doen ontkomen,
           5*
•§ Waardige uitdeelster der 3
-gj genaden,
                          a
\'3 Hoop van de verlaten zon- ©
•| (laars,
                              5
© Onuitputtelijke schat van f§
l> alle goed,
Steun der regtvaardigen,
Toevlugt der ellendigen,
Toeverlaat in allen nood,
Kalmte in storm en onrust,
Rust des harten,
Schuilplaats der bedrukten,
Krachtig hulpmiddel tegen
-ocr page 508-
502          LITANIE VAN DE
alle soort van kwalen, ontferm
U onzer.
jn Welke voedt, die honger
rH hebben,
                          O
^ Bronader van verkoeling, 5;
•f Steun der armen,
               |
-f. Onderhoud der weduwen s
\'=? en weezen,
                     d
~ Goddelijke eigenschap, aan §
o welke onze eerbewijzing g
•> en aanbidding toekomt, ~-
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, verhoor ons, Heer.
Lam G ods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer.
Jesus Christus, hoor ons.
Jesus Christus, verhoor ons.
Onze Vader, enz.
v. Wij verheffen o Heer, uwe
voorzienigheid.
e. En wij onderwerpen ons aan
hare besluiten.
-ocr page 509-
GODDELIJKE VOORZIENIGHEID. 503
GEBED.
O eeuwige God, die U ver-
waardigt de oogen uwer Voor-
zienigheid op ous te slaan, om ons
te besturen, boe onwaardig wij ook
zijii: verleen ons de genade, dat wij
ons zoo geheel aan al de geheime
werktuigen van diezelfde Voorzie»
nigheid over ons, gedurende den
veranderlijken loop van dit leven
overgeven, dat wij tot de onveran-
derlijkheid der hemelsche goe-
deren mogen geraken. Door onzen
Heer Jesus Christus. Amen.
GODVRUCHTIG GEBED
om alles te verzoeken wat de zaligheid
betreft, hetwelk Prins Eugenius van
Savoije gewoon was dagelijks te
bidden.
Mij n God! ik geloof in U, versterk
mijn geloof; ik hoop op U, verzeker
mijne hoop; ik bemin U, verdubbel
-ocr page 510-
504 GEBEDEN OM VERSCHEIDENE
mijQe liefde; het berouwt mij ge-
zondigd te hebben, vermeerder
mijn berouw.
Ik aanbid U, als mijn eerste be-
ginsel; ik verlang naar U, als naar
mijn laatste einde; ik bedank U,
als mijnen eeuwigen weldoener; ik
aanroep U, als mijnen oppersten
beschermer.
Mijn God! ge waardig U mij te
besturen door uwe wijsheid, mij
in te toornen door uwe regtvaar-
digheid, mij te troosten door uwe
barmhartigheid, en mij tebescher-
men door uwe raagt.
Ik offer U, God, mijne gedachten,
mijne werken, mijn lijden op; dat
ikinhettoekomendemagdenkeuop
U, mag spreken van U, mag werken
voor U, en mag lijden voor U.
Heer! ik wil al hetgene Gij wilt,
omdat Gij het wilt, gelijk Gij het
wilt, en zoo veel als Gij het wilt.
Ik bid U, verlicht mijn verstand,
-ocr page 511-
DEUGDEN TE VEKWEEVEN. 505
ontsteek mijnen wil, zuiver mijn
hart en heilig mijne ziel.
Mijn God! moedig mij aan, om
mijne begane zonden te boeten, om
de driften die mij onbetamelijk zijn
te verbeteren; vervul mijn hart met
liefde voor uwegoedheden, met af-
keer van mijne gebreken, met ijver
voor den evenmensen, en met ver-
achting der wereld.
Dat ik onderdanig moge zijn aan
mijne oversten, vriendelijk jegens
mijne vijanden, getrouw aan mijne
vrienden, liefdadig jegens mijne
onderdanen.
Ach God! kom mij te hulp, opdat
ik de vermaken dezer wereld over-
winne door versterving, de gieiïg-
heid door aalmoezen, de gram-
schap door zachtzinnigheid, en de
flaauwheid des harten door god-
vruchtigheid.
Mij n God! maak mij voorzigtig in
mijneondernemingen,kloekmoedig
-ocr page 512-
506 GEBEDEN OM VERSCHEIDENE
in gevaren, geduldig in tegen-
spoed , en ootmoedig in voorspoed.
Dat ik, o Heer, nooitvergete,de
aandachtigheid te voegen bij mijne
gebeden, de matigheid bij mijne
maaltijden, de naauwgezetheid bij
mijne bedieningen, de standvastig-
heid bij mijne voornemens.
Heer! laatmij waakzaam zijn, om
altijd te hebben een opregt gemoed,
eeiie uitwendige zedigheid, eenen
stichtelijken omgang, eene geregel-
de levenswijze; datikzonder ophou-
den er mij op toelegge, om de na-
tuur te dempen, om mede te wer-
keu met de genade, om de wet te
onderhouden, en om de zaligheid
te verdienen.
MijnGodüaatikaltijdvooroogen
hebben, de geringheid van de aarde,
de grootheid van den hemel, de
kortheid van den tijd, en de lang-
durigheid van de eeuwigheid.
Maak dat ik mij bereide tot den
-ocr page 513-
DEUGDEN TE VEEWEEVEN. 507
dood, dat ik uw oord cel vreeze,
de hel ontga en \'Jen hemel bekome;
door de verdiensten van mijnen
Zaligmaker Jesus Christus. Amen.
Krachtige verzuchtingen tot God.
Heer! geef dat ik op U denke, U
kenne, U beminne; dat uwe ge-
dachtenis de schat zij van mijn ge-
heugen ; de konnis van U, het leven
van mijn verstand; en de liefde tot
U, het leveu van mijn hart.
Geef dat ik met waarheid mag
zeggen : ik heb gezegd, nu begin ik;
het is van daag, mijn God, dat ik
begin U te beminnen en te dienen.
Maar Gij kent mijne zwakheid,
mijne onstandvastigheid en de boos-
heid van mijn hart: dat dan, o Heer,
uwe genade mij voorkome, verge-
zelle en volge in al mijne gedach-
teu, woorden en werken, opdat ik U
eere ge ve volgens uwen heiligen wil.
O mijn God! vergeef mij al mijne
-ocr page 514-
508 GEBEDEN OM VERSCHEIDENE
zonden; ik verfoei die uit geheel
mijn hart, uit liefde tot U; en om
daarvoor te voldoen, offer ik U op
het leven, het bloed en den dood
van uwen Zoon Jesus.
Zuiverheid van mijnen God,
maak mij zuiver; heiligheid van
mijnen God, maak mij heilig; goed -
heid van mijnen God, maak mij
zalig door uwe barmhartigheid, mij
dien Gij kunt verdoemen door uwe
regtvaardigheid.
Ach, mijn God! indien de men-
schenUkenden, zij zouden Unooit
vergrammen. Al de harten zijn in
uwe handen; Gij kunt de aller-
hardnekkigste buigen en de aller-
hardste verzachten: geef heden de
eer aan het bloed en den naam van
uwen Zoon.
Dat alle volkeren der aarde U
kennen, o mijn God! dat zij U aan-
bidden, U beminnen in den tijd en
in de eeuwigheid.
-ocr page 515-
DEUGDEN TE VERWERVEN. 509
Aan God alleen zij alle eer en
roem, in de eeuwigheid der eeu-
wigheden. Amen.
Om spoedig tot de volmaaktheid te
geraken, moet men altijd waken, al-
tijd bidden, en altijd zich zelven over-
ivinnen.
GEBED
hetwelk een Christen alle dagen mag lezen,
om aan God het gevoelen te verklaren , het-
welk men wenscht te hebben in het oogen-
blik des doods ; in welk gebed de oefening
van de allerhoogste deugden begrepen zijn,
bijzonder van een waarachtig berouw over
de zonden, en van eene volmaakte liefde
tot God.
Mijn Heer en mijn God! in de
onzekerheid waarin het U belieft
dat ik leve, aangaande den tijd,
de plaats en de wijze van mijn ster-
ven , aanbid ik de schikkingen uwer
Voorzienigheid, over al hetgeen
-ocr page 516-
510 GEBEDEN OM VEESCHEIDENE
Gij van alle eeuwigheid hebt ge-
lieven te bepalen; en dewijl ik niet
weet hoedanig het gevoelen mijner
ziel alsdan zal wezen, zoo doe ik
heden, hetgeen ik wensen alsdan
gedaan te hebben, en ik bid U, dat
Gij alsdan gelieft aan te riemen en
voor goed te houden, wat ik heden
aan Ü verklaar.
Ik bedank U, mijn Heer en mijn
God, nu reeds, voor dat laatste
oogenblik van mijn leven, waar-
in ik, misschien beroofd zijnde
van spraak en rede, niet meer zal
kunnen spreken nochaanU denken.
Ik bedank U, zeg ik, ten eerste: dat
Gij mij door uwe oneindigegoedheid
het leven geschonken hebt, daar Gij
mij inmijnenm^hadtkunnenlaten;
ten tweede: dat Gij mij in eene Chris-
telijkeeeuwhebtlaten geboren wor-
den, in een land waar uw hei-
lige naam verheerlijkt wordt, daar
Gij mij hadt kunnen laten geboren
-ocr page 517-
DEUGDEN TE VEE WERVEN. 511
worden in eeiie heidensche eeuw en
ongeloovig land; ten derde: dat Gij
mij door den heiligen doop hebt la-
ten herboren worden, daar Gij mij
in het ligchaam mijner moeder,
gelijk zoo vele anderen, haclt kun-
uen laten sterven, alvorens ik den-
zelven ontvangen hadde.
Ik aanbid U, o mijn God! Gij zijt
de oorsprong van mijn leven, vol-
gens de natuur; de oorsprong van
mijne wedergeboorte, door de ge-
nade; het laatste einde van mijne
ziel, en mijn uiterste geluk in de
heerlijkheid. Gij zijt de eerste waar-
heid: daarom geloof ik vastelijk al
hetgeen Gij hebt gezegd. Gij zijt de
opperste getrouwheid; van U ver-
hoop ik zonder ophouden, hetgeen
Gij hebt beloofd. Gij zijt de hoogste
goedheid ; ik bemin U uit geheel
mijne ziel, dewijl Gij alleen alle
liefde waardig zijt. Gij zijt, o mijn
God, Vader, Zoon en heilige Geest,
-ocr page 518-
512 GEBEDEN OM VERSCHEIDENE
één in wezen, en drievuldig in per-
sonen, die mij door ?en uitwerksel
van uwe almagt geschapen hebt;
die mij vrijgekocht hebt door de
uitmuntende liefde uwer goedheid;
die mij geheiligd hebt door de ge-
nade des heiligen Geestes, welke
Gij in mijne ziel hebt ingestort; die
mij door de besturing van uwe
Voorzienigheid hebt geleid, en die
mij hebt voorbeschikt om aan uwe
heerlijkheid deelachtig te zijn.
Daarom hebt Gij mij in den schoot
der heilige Kerk, uwe bruid, aan-
genomen; Gij hebt mij verlicht met
uw allerklaarste licht; Gij zijtmij
voorgekomen door uwe almagtige
genade; Gij hebt mijn hart met de
teederste bewegingen uwer liefde
geraakt, mij aldaar uwe allergroot-
ste Sakrament bereid, mij ge-
spijsd met het allerheiligste Lig-
chaam van Jesus Christus, uwen
eenigen Zoon, mijnen Verlosser:
-ocr page 519-
DEUGDEN TE VEEWEEVEN. 513
en Gij hebt zoo dikwijls de genade
en de gaven van zijnen goddelijken
Geest in mijne ziel gestort.
O welk eeneliefde, welke welda-
den, welk een geluk, welk eene ge-
nade voor mijne arme ziel, die voor
zoo vele aan haar bewezene wei-
daden, (van welke aan U alleen
het getal en de waarde bekend is)
in haar geheele leven niets anders
vindt dan goddeloosheid, onge-
trouwheid, boosheid en misdaden,
die het getal mijner harenen mijne
dagen te boven gaan.
Maar, o Heer! hoe meerder
schande het voor mij isU te hebben
vergramd , zoo veel te heerlijker
is het voor U aan mij vergiffenis
te verleenen; en voor de zonden
die gelijk de mijne zonder tal zijn,
is er eene barmhartigheid noodig,
gelijk de uwe is.
Ook neem ik, mijn Heer en God,
mijne toevlugt tot uwe oneindige
33
-ocr page 520-
514 GEBEDEN OM VERSCHEIDENE
barmhartigheid, vol van leedwe-
zen, dat ik U zoo lang vergramd,
zoo laat gekend en zoo weinig be-
mind heb; en ware het dat ik maar
dit oogenblik overig had, ik zou
het besteden om U te beminnen, o
mijne opperste goedheid, omdat
Gij het zijt, en omdat Gij alleen
de aanbidding en liefde van al uwe
schepselen verdient.
Het is ter uwer liefde alleen, o
eeuwige liefde, die altijd ten hoog-
ste beminnelijk zijt, en nimmer-
meer genoeg bemind kunt worden,
dat ik al de zonden van mijn leven
verzaak, omdat zij tegen uwegodde-
lijke heiligheid strijden; en ik ver-
zaak deze zonden, om dezelfde
beweegreden, om welke mijn Heer
Jesus Christus die heeft verzaakt in
zijnen doodstrijd in het hofje; en
om dezelfde beweegreden, om
welke Gij, mijn God: Vader, Zoon,
en heilige Geest, één in wezen en
-ocr page 521-
DEUGDEN TE VERWERVEN. 515
drievuldig in personen, dezelve
verzaakt: U opdragende, tot ver-
goed ing van het ongelijk hetwelk
mijne boosheden U hebben aange-
daau, de liefde van alle regtvaar-
digeu op aarde, de liefde van
alle engelen en gelukzalige zielen
in den hemel, de liefde met welke
mijn Verlosser Jesus Christus zei ve
U bemint, en de liefde met welke
Gij, mijn God, U zelven van alle
eeuwigheid, zonder ophouden be-
mint, en U zelven gedurende de
geheele eeuwigheid zult bemin-
nen.
En tot voldoening voor al de zon-
denvan mijn leven, zoo aanvaard
ik den dood, als een schuldige aan
gekwetste majesteit, dien Gij regt-
vaardiglijk hebt verwezen om te
sterven; ik aanvaard de vernieti-
ging mijns ligchaams, hetwelk de
oorzaak is geweest van zoo vele on-
geregtigheden en zonden; ik aan-
-ocr page 522-
516 GEBEDEN OM VERSCHEIDENE
vaard de vernietiging van mijnge-
heele wezen, tot erkentenis van de
opperste heerschappij, die Gij over
mij hebt: ik aanvaard alle verla-
tingen, alle benaauwdheden, alle
bitterheden, alle pijnen, alle beko-
ringenenalle kwaad, (uitgenomen
alleen dat van te zondigen en van
U te vergrammen) tot voldoening
aan uwe goddelijke majesteit.
En niets meer vermogende, mijn
Heer en mijn God, bid ik U, gelief
te gedenken, dat ik het maaksel
uwer handen, de prijs van uw
bloed, de vrucht van uw kruis,
het pand van uwen dood en het
uitwerksel uwer liefde ben.
Met uwen dood en uwe liefde ver-
eenigikdemijne; betuigende dat ik
geene gevoelens aanvaard, dan die
van het geloof uwer Kerk; dat ik
geen bewegingen begeere, dan die
van de hoop op uwe verdiensten ,
en van de liefde uwer goedheid.
-ocr page 523-
DEUGDEN TE VERWERVEN. 517
Is het dat er iets tegenstrijdigs
dienaangaande aan inij overkome,
dat herroep ik, en houd het voor
niet, en ik wil dat de laatste bewe-
ging mijns harten eene beweging
van aanbiddingzij, die aan U erken-
tenis van mijn wezen doet, aange-
zien dit aan U meer toebehoort
dan aan mij, en dat het te zanien
zij eene beweging van liefde, welke
gedurende de geheele eeuwigheid
volharde met U te beminnen.
Het is wel waar, o mijn God,
dat ik, desniettegenstaande, groo-
telijksvreeze, omdat mijne zonden
zoo groot en menigvuldig zijn, en
uwe oordeelen zoo vreeselijk: maar
het is ook waar, dat, niettegen»
staande al mijne vrees, mijne hoop
nog grooter is, aangezien Gij de
barmhartigheid zelve zijt, dat Gij
vergeeft zonder einde, en dat Gij ge-
heel barmhartig en de barmhartig»
heid zelve zijt, en alles vergeeft.
-ocr page 524-
518 GEB. OM VERSCHEIDENE, ENZ.
Vol van dit vertroostend en zoet
betrouwen op U, hoop ik uwe goe-
deren te zien in het land der leven-
den, van welke Gij de verrijzenis
en het leven zijt; daarom, na op
nieuw uwe almagt aangebeden te
hebben, die mij heeft geschapen,
uwe Godheid die mij heeft verlost,
uwe wijsheid die mij heeft be-
stuurd, uwe barmhartigheid die
mij zoo veel heeft vergeven; zoo
aanbid ik ook uwe regtvaardigheid,
en geef mij geheel aan haar over,
voor dien oogenblik hetwelk zij
heeft gesteld om mij te oordeelen.
En ik geef mij aan haar geheel
over, met het vertrouwen dat uwe
goedheid mij niet zal verlaten, ja
dat die zelfs voor mij zal antwoor-
den aan uwe regtvaardigheid, en
dat ik in eeuwigheid uwe barmhar-
tigheid mag loven. Amen.
-ocr page 525-
LITANIE
tot de heilige Drie-Koningen.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontf. U onz.
God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
God, heilige Geest, ontf. U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Maria, Koningin der konin-
gen, bid voor ons.
Heilige Josef, bid voor ons.
H. Koning Caspar, bid voor ons.
H. Koning Melchior, bid voor ons.
H. Koning Balthazar, bid voor ons.
H. Drie Koningen, bidt voor ons.
Patriarchen der geloovigen, bidt
voor ons.
-ocr page 526-
520          LITANIE TOT DE
Voorgangers van de heidenen, bidt
voor ons.
Vorsten van het volk,
Wier verlangen was naar Jesus,
Wierwenschen warennaar Jesus,
Wier volmaakte vreugd is Jesus,
Zeer mild in offeranden,
Spiegel der deugden,
Die het goddelijk ingeven, door g
eene wonderster, hebt aan- &
genomen,                            <
Die aan de stem Gods gehoor» §
zaam zijt geweest,              o
Die uwe landen, uit liefde en j»
om den hemelschen Koniug
te zoeken, hebt verlaten,
Die de moeite en gevaren der
reis niet hebt gevreesd,
Die den nieuwgeboren Koning
te Jeruzalem hebt gezocht,
Die door de schriftgeleerden van
den Messias zijt onderrigt,
Die van Herodes naar Bethle-
hem zijt gezonden,
-ocr page 527-
H. DRIE KONINGEN.         521
Die u verheugd hebt, als gij de
sterre buiten Jeruzalem weder-
zaagt, bidt voor ons.
Die de sterre zijtgevolgd, tot de
plaats waar het Kind met zij u e
Moeder was,
Die nedervallende, het Kind
hebt aangebeden,
Die uwe schatten open doende, Cd
goud, wierook en mirrhe &
hebt geofferd,                     <
Die door uwe geheimvolle gif- §
ten het kind Jesus hebt ver- o
klaard te wezen Koning, God pü
en Mensch,
Die ons door uw voorbeeld een
voorbeeld der deugden hebt
gegeven,
Die ons hebt geleerd het goud
van liefde, den wierook van
het gebed, en de mirrhe van
geduldigheid aan God op te
dragen,
Die na de aanbidding en offer-
-ocr page 528-
522          LITANIE TOT DE
ande, de heilige Moeder en Josef
hebt gegroet, bidt voor ons.
Die, door een Engel in den slaap td
vermaand zijnde, langs eenen 2?
anderen weg naar uw land zijt <
teruggekeerd,
                        §
Die hierdoor Herodes wijsselijk o
hebt bedrogen,
                       
Heilige drie Koningen,
Wij zondaars, wij bidden u, ver-
hoort ons.
Dat gij ons een waarachtig leed-
wezen wilt verwerven, wij bid-
den u, verhoort ons.
Dat gij ons in uwe bescherming
verwaardigt aan te nemen, wij
bidden u, verhoort ons.
Dat gij ons met den Koning der
koningen wilt verzoenen, wij
bidden u, verhoort ons.
Dat gij ons het goud van liefde, den
wierook van gebeden, de mirrhe
van versterving wilt verkrijgen,
wij bidden u, verhoort ons.
-ocr page 529-
H. DRIE KONINGEN.       523
Dat wij, door uw voorbidden, zon-
der vrees het geloof van Christus
mogen belijden, wij bidden u,
verhoort ons.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons, Heer.
LamGods, dat wegneemt de zonden
der wereld, verhoor ons, Heer.
LamGods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Onze Vadei\', enz.
v. Het zijn drie kostelijke giften.
r. Die de Wijzen den Heer heb-
ben geofferd.
v. De koningen van Tharsis en
van de eilanden zullen giften offeren.
e. De koningen van Arabie en
Saba zullen gaven brengen.
-ocr page 530-
524 VERNIEUWING VAN DE
GEBED.
o God, die de Wijzen uit het Oos-
tenhebt aangespoord, dat zij uwen
Zoon te Bethlehem zouden eeren en
aanbidden : wij bidden U, dat Gij
ons door hun voorbidden wilt ver-
leenen, denzelfden uwen Zoon, da-
gelijks goud van liefde, wierook
van gebeden, enmirrhe van verster-
ving te offeren; door denzelfden
Jesus Christus,onzen Heer. Amen.
VERNIEUWING
van de heiligmaking des Doopsels.
Mijn Heer en mijn God! ik aan-
bid U om uwe oneindige waardig-
heid, goedheid en liefde voor mij,
van mij door het goddelijk Sakra-
ment des doopsels voortgebragt te
hebben, en mij van een kind der
duisternis, een kind van Adam, in
een kind Gods herschapen te heb-
ben.
-ocr page 531-
HEILIGMAKING DES DOOPSELS. 525
Ik dank U oneindiglijk, dat Gij
mij zoo hartelijk tot uwen goddelij-
ken dienst geheiligd hebt, door het
verloochenen dat Gij mij in dien
gelukkigen dag hebt laten doen,
aan de wereld, aan den duivel,
vorst dezer wereld, en aan al zijne
ijdelheden en booze werken.
Mijne ziel looft U, en zal U in
eeuwigheid verheerlijken, omdat
Gij haar met het goddelijk zegel
der allerheiligste Drievuldigheid
geteekend, en mij vereenigd hebt
met dat verholen ligchaam van den
Heere Jesus, makende mij een
waarachtig lidmaat van Jesus.
ö Mijne ziel! gij zijt door uwen
doop aan de allerheiligste Drievul-
digheid toegeëigend, en hebt u ver-
pligt, door de verbindtenis die gij
met God zelven hebt aangegaan,
om naar het eeuwige Woord des
Vaders, te weten naar Jesus te
leven, en dienstvolgens te leven
-ocr page 532-
526 VERNIEUWING VAN DE
geheel heilig, vol van liefde en eer,
en in alles volmaakt; zeer heilig,
door afscheiding van de wereld,
welke gij verloochend hebt; geheel
goddelijk, door de christelijke ge-
nade die u gegeven is in den doop;
vol van liefde, door de verpeuigkig
met Jesus, in de vereeniging uws
harten met zijn minzaam hart; vol
van eerbied, door de gedurige er-
kentenis van het deugdzaam leven
van Jesus; geheel volmaakt, door
de navolging van het leven des
Heeren Jesus.
Ik vernieuw heden, o mijn Jesus,
mijne heiligmaking des doopsels,
en alles wat er mij geschied is in
den doop; ik vernieuw in persoon
al hetgeen ik door mijne doopbor-
gen op dien dag gedaan heb.
Ik vernieuw plegtiglijk de drie-
voudige verloochening in den
doop gedaan, en zeg, o Jesus!
van ganscher harte abrenuntio: ik
-ocr page 533-
HEILIGMAKING DES DOOPSELS. 527
verzaak de zouden, en ik zeg voor
de derde reis, met eenen vasten
wil, ik verzaak de wereld, niet
al hare dwaasheid en ijdelheden.
Ik vernieuw de overgeving van
mij zelven en mijne toeëigening aan
God, drievuldig in personen en één
in wezen, aan wieu ik toebehoor,
van wienik ben geschapen; al mijn
leven wil ik hem toebehooreu, en
begeer in eeuwigheid van zijne op-
perste heerschappij af te hangen.
Ik vernieuw de belijdenis, in
den doop gedaan, om naar het le-
ven van Jesus te leven, en hem
te volgen in het dragen van het
kruis, met een voornemen van
deugdzaam te leven, navolgende
het leven van Jesus, en ter eere
van zijn goddelijk lijden, door het
geduldig verdragen van allen te-
genspoed. Ik vernieuw voor den
voet des altaars mijne vereeniging
met U, o mijn Jesus, door den
-ocr page 534-
528 VERNIEUWING VAN DE
doop, zoo menigmaal door de nut-
tigingvan uw Ligchaamiii het hei-
lig Sakrament bevestigd, met den
vasten wil nooit van U te schei-
den. Versterk mij, o mijn godde-
lijke Jesus, in die vereeniging, en
hecht mij zoo vast aan U, dat mij
nooit iets van U kan losrukken ,
en dat ik leve en sterve in deze
vereeniging, om die te genieten
in eeuwigheid. Amen.
De goede dag aan den goeden God.
Alniagtige, eeuwige God! ik draag
Uop, uit den grond mijns harten,
al de heilige Misofferanden , die
van daag de geheele wereld door
zullen worden gedaan, ter uwer
eere, tot roem van de zegevieren-
de, tot bijstand van de strijdende,
tot troost van de lijdende Kerk, en
voor de zaligheid van alle geloovi-
gen. En na duizendedankzeggingen
aan uwe Majesteit, omdat Gij mij
-ocr page 535-
HEILIGMAKING DES DOOPSELS. 529
dezen nacht hebt willen bewaren,
zoo offer ik U ook, uit het diepste
van mijne genegenheden, vol ver-
trouwen en als de minste van uwe
schepsels, al mijne werken van de-
zen dag, goede en kwade; degoede,
opdat ze met uwe genade tot uwe
eer dienen; de kwade, indien
ik het ongeluk mogt hebben daar-
in te hervallen, tot mijne ver-
ootmoediging. En aangezien ik zie,
Heer! dat het onmogelijk is dit el-
lendig leven zonder tegenspoed en
ongelukken te eindigen, vraag ik
niet, mijn goddelijke Meester, ver-
lost te worden van die welke mij
langs alle kanten overvallen, mits
zij dienen tot uwe eer, tot zalig-
heid van mijne arme ziel, totstich-
tingvan den evenmensen, tot be-
keering der zondaren, en tot lafenis
der geloovige overledenen; maar
ten minste, groote God ! verleen
mij, bid ikU, de genade, mij te be-
31
-ocr page 536-
530 VEKNIEITWING VAN ENZ.
schermen tegen de ware en eenige
ellende, namelijk de zonde, tot
welke ik zulkeeneonverwinnelijke
genegenheid heb, dat ik alle oogen-
blikken zoude vallen, indien uwe
genade mij niet ondersteunde. En
wat het overige aangaat, Heer!
handel daarmede gelijk het U
belieft, volgens de eeuwige schik-
king uwer onuitsprekelijke Voor-
zienigheid, maar ook volgens de
grootheid uwer barmhartigheden;
en geef mij de zalving, den moed
en de kracht om alles kloekmoedig
te verdragen, in den geest van boet-
vaardigheid, met eene ware chris-
telijke lijdzaamheid en volmaakte
onderwerping aan uwen goddelij-
ken wil, met één woord, Heer! dat
alle zuchten van mijn hart, tot het
laatste oogenblik mijns korten le-
vens, naar niets anders trachten,
dan naar uwe eer, uwe genade,
uwen wil, uwe verlichting, uwe
-ocr page 537-
DE GODZALIGE HÜISZEGEN. 581
liefde en uwe barmhartigheden.
Amen.
Zijne Door/. Hoogw. Jean Louis, Bisschop en •
Vorst van Luik, om de godsvrncht der
Geloovigen op te wekken, vergunt
40 dagen
aflaat aan alle personen, die hunne morgen-
gebeden beginnen met godvrtichtiglijk, op
hunne knieën, het bovenstaande gebed te
lezen.
DE GODZALIGE HÜISZEGEN
van den zoeten naam Jesus en zijne lieve
Heiligen.
o Gij, allerheiligste Heer Jesus
Christus! almagtige en regtvaar-
dige God van hemel en aarde!
allerheiligste Heer Jesus Chris-
tus! Zoon van David! ontferm U
over dit huis, in hetwelk wij U lang
aangeroepen en gebeden hebben. O
Gij, gekruiste Heer Jesus Christus!
wij bidden U, bewaar dit huis en
zijne bewoners. Door uw heilig
kruis, waaraan Gij gestorven zijt,
geef dit huis den zegen Gods; zegen
-ocr page 538-
532            DE GODZALIGE
de menschen die er in wonen. De
zegen van God den Vader, God
den Zoon, en God den heiligen
Geest, zegene dit huis en alles wat
er in en aan is; menschen, vee,
spijs eu drank, en wat daar dak-
druppelen ontvangen heeft, zij
beschermd en gezegend. De aller-
heiligste naam van Jesus Christus,
den Gekruisten, zegene alle men-
schen die dit huis uit- en ingaan.
De vier Evangelisten bevestigen en
bekrachtigen dit huis; dat er
nimmermeer ongelukken in ge-
beuren; dat geene besmettelijke
krankheden, koortsen of booze
ziekten, die menschen of vee scha-
de kunnen veroorzaken, hetzelve
naderen; en dat de naam van Jesus
Christus, met de negen kooren
der engelen, hetzelve behoeden.
De vrede van Jesus Christus zij
met dit huis; de kracht Gods wer-
ke er met de menschen. De heilige
-ocr page 539-
HUISZEGEN.                58ó
Drievuldigheid : God de Vader,
God de Zoon, en God de heilige
Geest, willen de behoeders van dit
huis zijn. De heilige twaalf Aposte-
len willen dit huis beschermen en
bewaren; dat alle zaken in dit huis
ten beste aangewend worden. Het
heilig kruis van Jesus Christus zij
deszelfs huisdak: de heilige nagels
van Jesus Christus, zijn degreudels
aan de deuren; de kroon van Jesus
Christus zij het schild van dit buis;
alzoo moet dit huis gezegend zijn
door het heilig woord Gods. O Heere
Jesus Christus van Nazareth! ont-
fermU onzer. O heilige Maagd Ma-
ria! gij hemelsche Koningin! bid
uw lief kind Jesus voor ons arme
zondaars, opdat wij zuiver worden
van alle zonden. Ó gij, doorluch-
tige heilige drie Koningen: Caspar,
Melchior en Balthazar! helpt deze
heilige schaar voor ons bidden.
De heilige Drievuldigheid behoede
-ocr page 540-
534            DE GODZALIGE
dit gansche huis, opdat er geeue on-
gelukken in gebeuren; opdat toove-
rij, duivels-gespuis en alle kwade
ziekten Aan menschen en vee er
van verwijderd worden. Behoed, o
God, dit huis voor vuur, hagel,
donder en groote watersnooden.
Bewaar ook onze landen van alle
onheil en dure tijden. Dit verleene
ons God de Vader, God de Zoon,
en God de heilige Geest. Amen.
Heilige drie Koningen! bidt voor
ons, nu en in het uur onzes
doods. Amen.
Onder uwe bescherming staat dit huis ,
Jesus, Maria, Josef.
Die U zoeken aan het kruis,
Jesus, Maria, Josef.
Behoed dit huis voor pest en brand,
Jesus, Maria, Josef.
Steek uit uw\' rijke en milde hand,
Jesus, Maria, Josef.
Behoed ons in genade stand,
Jesus, Maria, Josef.
Voor tooverij, onheil en schand\',
Jesus, Maria, Josef.
-ocr page 541-
HUISZEGEN.               535
Geef ons uw\' zegen te allen tijd,
Jesus, Maria Josef.
En hierna de zaligheid,
Jesus, Maria, Josef.
En zegene ons Jesus.
Bid God voor ons, Maria.
De Heer des vredes geve u altijd vrede
2. Thessalonica. III, v. 16.
Waar vrede in huis is, schept God zijn
lust;
In een vreedzaam hart, houdt God zijn rust".
Zalig is de moeder, uitverkoren,
Waaruit de vrede ons is geboren;
Een huis vol vrede is dus een pand,
Van meerder waarde dan diamant.
Christus heeft op ons gedacht,
Als hij den vrede op aarde bragt;
Die vrede wenscht in zijn gemoed,
Verlaat de zonden en doet goed.
Wilt gij vrede in \'t hart bezitten,
Bedwing uw gebrek, wil niemand bevitten.
In zulke huizen mag men spreken,
Stichtende reden, maar niemands gebreken,
Zaken waar Gods eer door lijdt,
Of eenige menschen hun zaligheid;
Dit wil ik met korte woorden besluiten ,
Die anders wil handelen, die blijve er buiten.
-ocr page 542-
536            DE GODZALIGE
Wat wordt er nianig mensch geschonden,
En van die kwaad zijn gansch verslonden ;
Het ware te wenschen, dat alle menschen
Hun zelven eerst bekeken,
Eer dat zij kwaad, \'t zij vroeg of laat,
Vim anderen spreken.
Voracht niemand.
Niemand spotte met mij of met de mijnen,
Ieder ga te huis en bezie de zijnen;
Vindt gij in uw huis dan geen gebreken,
Kom dan bij mij, dan hebt ge vrij spreken
Antiphone tot de H Maagd Maria.
Ten tijde van pest en andere ziekten.
\'s Hemels sterre, hoog verheven,
Die den Heer geboren heeft,
Heeft de pest des doods verdreven,
Die ons Adams zonde geeft.
De hemelster wil zich verwaarde ,
Weg te nemen uit de locht,
Pest en dood, en wat op aarde
Ons broos leven kwetsen mogt.
Schoone sterre van de zee,
Wil ons in de pest bijstaan,
En verlossen uit dit wee:
Uw gebed zal God ontvaan,
-ocr page 543-
HUISZEGEN.                537
Als gij u tot bidden keert;
Want Hij u (zijn Moeder) eert.
Bevrijd ons dan, Heer! van de pest:
Uw Moeder doet voor ons haar best.
v. Bid voor ons, heilige Moeder Gods!
r. Opdat wij waardig worden der beloften
van Christus.
TOT JESTJS EN MARIA.
<
God van barmhartigheid, goe-
dertierenheid en genade, die U
over de droefheid des volks ont-
fermd en den slaanden engel be-
volen hebt zijne hand in te hou-
den : wij bidden U, o Jesns! om de
liefde van uwe roemrijke Moeder,
wier liefdevolle borsten Gij tegen
het venijn onzer zonden gezogen
hebt: geef ons de hulp uwer ge-
nade, opdat wij van alle besmette-
lij ke ziekten en eenen onvoorzienen
dood mogen bevrijd wezen; Gij,
die leeft en heersent, met God den
Vader en den heiligen Geest, in
alle eeuwen. Amen.
-ocr page 544-
538           DE GODZALIGE
Vernieuwing van zijne aangenomene
geloften.
Mijn allerliefste Jesus! tot dank-
zegging voor alle weldaden, die Gij
mij hebt gedaan, door mij uit het
gewoel der wereld te trekken, zeg
ik, al ware ik heer van de geheele
wereld, en van honderd millioenen
werelden: zonder geholpen te wor-
den door uwe genade, zoude ik ze
allen versmaden en verlaten, uit
liefde tot U; en ware het dat mij
vrijstond één of honderd duizend-
maal tot de wereld weder te kee-
ren, alle eer, rijkdommen en ge-
noegens te genieten, welke alle
menschen genoten hebben, die er
ooit zijn geweest, nog zullen zijn
en die uwe almagt kan scheppen,
te weten, dat ik al deze dingen,
zonder zonde zoude mogen genie-
ten, van dit uur tot den dag des
oordeels, ik zoude mij zeer gaarne
-ocr page 545-
HUISZEGEN.              539
van alles ontblooten, en mij we-
derom op nieuw offeren, gelijk als
ik nu doe, met meening om mij
voor altoos te verbinden, indien
het mogelijk ware dat ik niet ware
verbonden; daarom beloof ik N. N.
God, almagtig, eeuwige standvas-
tigheid en zuiverheid, gewillige
armoede en gehoorzaamheid, naar
den regel van onzen allerheiligsten
vader. N. N.
GEBEDEN
ON mm ZALIGEN DOOD TE VERWERVEN.
Hubeetus Gtjillielmus a, Precipiano, Aarls-
bisschop van Mechelen, enz. allen die dezen zullen
zien, zaligheid in den Heer ! Aangezien er geene
droeviger nederlaag noch grooter overwinning is, dan
die, welke volgt na den langsten en scherpsten strijd
des doods, zoo moeten wij ook dikwijls tegen dien
tijd, als misschien ons gemoed zich zelven niet
meester zal zijn, de hemelsche hulp verzoeken en
ons met God verzoenen; tot welk einde wij toelaten,
dat de volgende zeer stichtelijke gebeden door den
druk gemeen gemaakt worden; en verleenen
40 dagen
-ocr page 546-
540 GEBEDEN OM EENEN
aflaat uit de schatten der heilige Kerk, aan eenieder
die dezelve met een rouwmoedig hart godvruchtig lijk
zal lezen. Gegeven te Brussel den
28 Maart 1694
H .G. A. M. Ter ordonnantie run den doorluchtig den
en hoogwaardigsten Aartsbisschop van Mechelen,
H. .T. van SrsTEREN, Secretaris.
TOT GOD.
Groote God! aangezien ik niet
weet hoe mijne gesteltenis in het
laatste uur mijns levens zal zijn,
als ik, misschien beroofd van het
gebruik der rede, mijn hart niet
meer zal kunnen opheffen; daarom
zeg ik nu, wat ik wenschte in het
uur mijns doods gezegd te hebben:
ik erken en aanbid U voor mijuen
oppersten Heer en eenig goed, en
onderwerp mij in mijn leven en
sterven aan uwen goddelijken wil.
Maar hoe weinig is dit, dat een
nietig stof der aarde U aan bidt; dit is
niet genoeg, noch aan uwe waar-
digheid, noch aan mijne begeerte;
ik draag U dan op, en wensch ook
door mij U te kunnen bewijzen, al
-ocr page 547-
ZALIGEN DOOD TE VERWERVEN. 541
de aanbiddingen, die de Engelen,
Heiligen en alle schepselen U ooit
gedaan hebben, en in de geheele
eeuwigheid zullen doen. Allerniild-
ste God! ik heb uwe werken o ver-
dacht en ben verbaasd geworden.
Gij hebt mij geschapen als ik niets
was, om mij deelachtig te maken
aan het eeuwige geluk; uwe on-
bepaalde liefde tot mij is nog ver-
der gegaan: als ik door de zonde
verloren was, hebt Gij mij door
hetdierbaarbloedvan uweneenigen
Zoon gekocht en zijt mij met ontel-
bare weldaden voorgekomen. O
mijne ziel! zoo heeft God U be-
mind, dat hij zijnen eenigen Zoon
voor U gegeven heeft. Ik dank U,
mijn Heer en mijn God! uithetdiep-
ste mijns harten, en wensch U al de
dankzegging te kunnen bewijzen,
die U alle schepsels ooit bewezen
hebben of zullen bewijzen. Van
dezen tijd af zullen mijne oogen op
-ocr page 548-
542 GEBEDEN OM EENEN
U gevestigd zij n, om uwegoddelijke
geboden eu welbehagen in alles
te volbrengen. Ik geloof alles wat
Gij veropenbaard en door uwe hei-
lige Kerk voorgesteld hebt te geloo-
ven, in welk heilig geloof ik wil
leven en sterven. Ach! dat alle vol-
ken U mogten belij den en de geheele
wereld U aanbidden. Ik vertrouw op
U, God mijns harten, mijn deel in de
eeuwigheid; op U, Heer, heb ik ge-
hoopt, en zal ik hopen zoo lang ik
zalleven,enineeuwigheidzalikniet
beschaamd worden; ik wensch naar
U, mijn eeuwig geluk, die al mijne
zinnen kunt vervullen. Geef mij dat
ik op U altijd mag vertrouwen, alle
vergankelijke dingen mag verach-
ten, en door geene moeijelijkheid
mag afgetrokken worden U te die-
nen, tot dat ik tot U, mijn laatste ein-
de, eens moge geraken. Ik bemin
U, o onbegrepene goedheid! want
Gij zijt alleen goed, alleen heilig,
-ocr page 549-
ZALIGEN DOOD TE VERWERVEN. 543
alleen alle liefde waardig. O aller-
heiligste Maagd Maria! meer bran*
dende van liefde dan de Cherubij-
nen en alle heiligen: volmaak alles
wat aan mijne liefde ontbreekt,
opdat ik leve en sterve ter liefde
van mijnen God, en liever sterven
mag, dan hem niet te beminnen ;
o, dat ik nooit iets beminne, dat ik
om nwenwil niet beminne! Door-
zie, o mijn God, mijn hart, en vindt
Gij er iets in strijdig tegen de
liefde die ik hier belijde, zuiver en
verbeter het dan. O oude en nieu-
we schoonheid! ik heb U te laat
bemind; maar ik bemin U nog niet
gelijk ik moet en gelijk ik U
wensch te beminnen, met eene
oneindige liefde, ja met de lief-
de waarmede Gij U zelven be-
mint, want deze alleen kan uwe
liefde begrijpen. Liefderijkste God!
uwe liefde maakt dat ik bedroefd
ben, dat ik U ooit vergramd
-ocr page 550-
544 GEBEDEN OM EENEN
lieb, die zoo liefdevol en voor mij
zoo goed zijt: ik ben niet bedroefd
omdat ik vrees, maar omdat ik be-
min; kon het geschieden door het
vergieten van mijn bloed, dat ikU
nooithadvergramd,ikzondegaarne
op dit oogenblik den laatsten drup-
pel storten. Ik bid U, eeuwige Va-
der! door uwe oneindige barmhar-
tigheid; U eenige Zoon, door uwe
liefde tot de zondaars; U, heilige
Geest, door het vuur uwer liefde;
U heilige Drievuldigheid, door het
bloed en de verdiensten van Chris-
tus: spaar mij zondig mensch, en
wasch mij nog meer van mijne boos-
heid en van mijne zonden; wil mij
zuiveren. Dit alles is, o God, mijn
uiterste wensch; maar als ik hierna
door de zwakheid der ziekte, of
door bedrog des vij ands anders dacht
of zeide, dan herroep ik van nu
af en houd het voor geene waarde,
ja verzaak en verfoei het; dit is
-ocr page 551-
ZALIGEN DOOD TE VEKWEKVEN. 545
mijn uiterste wil: voor U, mijn
God, wil ik leven en sterven. Am.
Tot Jesus.
O genadigste Jesus! ik bid U,
als mijne oogen zullen breken, als
mijn mond zal sluiten en mijne tong
niet meer zal kunnen spreken, dat
mijn geloof dan niet wankele, mijne
hoop niet mistrouwe, mijne liefde
niet verflaauwe. Heer Jesus! door
de bittere benaauwdheid, die U in
het hofje zoo heeft bezwaard, dat
Gij hebt uitgeroepen: mijne ziel is
bedroefd tot den dood, en door de
bitterheid die Gij onderstondt aan
het kruis, bijzonderlijk toen uwe
gezegende ziel is afgescheiden van
het ligchaam: wil mij, uwen die-
naar, troosten en barmhartig zijn
in het uur mijns doods. Amen.
Tot Maria.
Maria, moeder der barmhartig»
35
-ocr page 552-
546 GEBEDEN OM EENEN
heid! door het zwaard van droef-
heid, dat uwe ziel doorstoken heeft
onder het kruis, als gij uwen be-
minden Zoon voor mijne zonden
hebt zien sterven: wil mij ook gena-
dig zijn, door de verdiensten van
denzelfden uwen Zoon, in het laat-
ste uur mijns levens, en gedoog
niet, o Troosteresse, dat men zal zeg-
gsn, dat gij eene ziel in haren bitter-
sten nood verlaten hebt, maar ver-
waardig u mij in mijnen doodstrijd
met medelijdende oogen te aan-
schouwen. Maria, moeder der ge-
nade, moeder der barmhartigheid!
bescherm ons, door uwen Zoon,
voor den vijand, en ontvang ons
in het uur des doods. Amen.
Tot den H. Josef.
ö Heilige Josef, die in de om-
helzing van den zoeten Jesus en
uwer liefste bruid Maria van deze
wereld gescheiden zijt: kom mij te
-ocr page 553-
ZALIGEN DOOD TE VERWEEVEN. 547
hulp met Jesus en Maria, als de
dood mijn leven zal eindigen, en
verwerf mij genade, dat ik even-
zoo in de armen van Jesus en
Maria sterve. In uwe handen le-
veilde en stervende, beveel ik mij-
nen geest: Jesus, Maria, Josef!
Tot den heiligen Engel-bewaarder.
O getrouwe leidsman, die mij
van God als mijn beschermer en
bewaarder zijt toegevoegd: sta
mijne arme ziel bij in haren uiter-
stendoodstrijd;bescherm haar dan
tegen alle aanvechtingen des hel-
schen vijands; wil haar, gezui-
verd van alle zonden, voor haren
Regter brengen, opdatzij zijnregt-
vaardig oordeel gelukkig moge
ontkomen, en het goddelijk Wezen
in alle eeuwigheid met u mag aan-
schouwen. Amen.
-ocr page 554-
UITERSTE Wil VAN IEHEI CHRISTEN.
Ik zal den Heer verheerlijken ten
allen tijde ; altijd is zijn lof in
mijnen mond. Ps. 33. v. 1.
Daarom, ter eere van God den
Vader, God den Zoon, en God den
heiligen Geest, en de heilige Maagd
Maria, is mijn begeeren en
uiterste wil, volmaaktelijk te leven
en wel te sterven. Ik aanbid, loof,
zegen en verheerlijk U altijd en
in eeuwigheid, o hemelsche Va-
der, almagtige en eeuwige God!
voor alle oneindige weldaden en
barmhartigheden, waarmede Gij
hemel en aarde vervuld en alles
uit niet geschapen hebt; maar in
het bijzonder alle redelijke schep-
sels, en onder deze mij, het on-
waardigste van alle schepselen,
hebt geschapen naar uw goddelijk
beeld. Bewaar en bestuur mij met
uwe oneindige wijsheid en voorzie-
-ocr page 555-
GEB. OM EENEN ZALIGEN DOOD. 549
nigheid, daar Gij over mij uwe
overgroote weldaden nog dagelijks
uitstort. Daarom bid ik U, mijn
God! laat mijn hart niet rusten,
opdat het steeds blijve en ruste
in mijnen Schepper; en geel\' mij
dan, mijn Heer en God, altijd te
rusten in U, buiten alle giften en
gaven, buiten al wat Gij niet zijt.U
dank ik ook, o Zoon van den leven-
den God, om de allergrootste liefde
met welke Gij mij bemind hebt: dat
Gij, mensch geworden zijnde en de
gedaante van eenen knecht aange-
nomen hebbende, voor mij al die
pijnen geleden hebt, zoo inuw bitter
lijden, als in uwen dood; aan
welke heilige verdiensten ik uwe
oneindige goedheid ootmoediglijk
smeek mij deelachtig te maken,
opdat ik daardoor volkomene ver-
giffenis verkrijge van al mijne
boosheden, en mijne ziel van
alle kwaad mag bevrijd worden,
-ocr page 556-
550 GEBEDEN OM EENEN
om alzoo aangenaam te wezen aan
uwe goddelijke Majesteit.
VerwaardigU, Heer Jesus, door
hetvergietenvanuwdierbaarbloed,
mij en allemenschen in nood,kwel-
ling\\ benaauwdheid, vreeze, angst,
vuile driften, zonden, ziekten,
kwalen, en als ziel en ligchaam
in gevaar zijn of zullen komen, ook
die nu in den doodstrijd liggen, te
helpen; toon uwe barmhartigheid,
mijn God, aan hen die Gij door uw
bitterlijdengekochtenverlosthebt.
O God, heilige Geest! mijn ver-
trooster en heiligmaker! ik loof en
verheerlijk U ook, en ik beveel en
geef U mijne ziel en mijn ligchaam,
mijn voortgaan en het einde mijns
levens; geef mij eenen zaligen uit-
gang, door waardige vruchten van
boetvaardigheid, met een waarach-
tig leedwezen over mijne zonden,
opdat ik door uwe heiligmakende
genade mag zalig worden. Ik beveel
-ocr page 557-
ZALIGEN DOOD.            551
U de geheele heilige Kerk; vervul
haar, bid ik U ootmoediglijk, altijd
met het licht der waarheid en een-
dragt; verleen haar en alle men-
schen een en gedurigen vrede, liefde
en eendragt, met eene waarachtige
verzaking en leedwezen over hunne
zonden en vergiffenis derzel ven; dat
zij uwe goddelijke Majesteit nooit
meer mogen vergrammen. Verleen
ook aan alle geestelijke en wereld-
lijke overheid, en aan alle zielbe-
stuurders, altijd eene heilige voor-
zigtigheid en wijsheid, en aan de on-
derzaten alle deugden en volmaakt-
heden. Mijn Heer enmijn God! ik ge-
loof in U, omdat Gij de eeuwige waar-
heid zijt; nu en in het uur van mijnen
dood geloof ik al hetgeen de heilige
katholijke Kerk ons voorhoudt te ge-
looven, en in dat heilig geloof wil ik
leven en sterven. Ik hoop in U, en
vertrouw op uwe oneindige barm-
hartigheid en goedheid, door de ver-
-ocr page 558-
552 GEBEDEN OM EENEN
diensten van uwbitter lijden, dat Gij
al mijne zonden zult vergeven en
mijne ziel zalig maken : geef mij
uwe genade tot volharding in alle
goede werken, met volmaaktheid
tot den dood toe. Ik bemin U, mijn
Heer en God, omdat Gij de onein-
dige goedheid zijt, en daarom be-
geer ik U altijd en alleen, uit geheel
mijn harten krachten, volmaakte-
lij k lief te hebben, te dienen, te
beminnen, met zulke liefde als alle
regtvaardigenU beminnen die ge-
weest zijn, nog zijn, en zullen ko-
men, én in het vagevuur én in den
hemel: ook gelijk Gij bemind zijt,
en kunt bemind worden van alle
Heiligen, Cherubijnen, Serafijnen
en alle hemelsehe geesten, en van
uwe gezegende moeder en maagd
Maria. Nogtrachtiken wil Ubemin-
nen dag en nacht, in alle eeuwigheid,
gelijk Gij het waardig zijt; want Gij
zijt alleen mijne hoop, mijne blijd-
-ocr page 559-
ZALIGEN DOOD.           553
schap, mijne zoetigheid, mijne rust
en mijn alles, in wien ik wensch ge-
heel veranderd te worden. Ach, dat
ik uwe oneindige goedheid nooit ver-
gramd hadde! Ik verfoei alle zonden
en al hetgeen buiten U is, en uwe
goddelijke majesteit zoude misha-
gen. Mijn Heer en God! geef dat ik
altijd mag rusten in U, verzakende
alle kwaad, eigenliefde, eigen wil,
eigen begeerten, alle ijdelheden en
onverstorvenheden, alle onvol-
maaktheden en zonden, nu en altijd,
en in eeuwigheid, ook in het uur
mijnsdoods,inwelkuuroftijdikalle
ingevingen des duivels verzaak,
tegen welke ik nu en alsdan mij
verklaar. Ik offer mij geheel aanU,
tot uwen eeuwigen lof en offerande.
O allerzoetste Jesuslroeiinmijuit
al het kwade en onvolmaakte dat
in mij is; vernieuw mijnen geest,
mijne ziel en mijn ligchaam met
de verhevenheid uwer goddelijke
-ocr page 560-
554 GEBEDEN OM EENEN
genade, opdat ik nietsdenke, niets
spreke, niets zie, niets voele, niets
hoore, niets begeere, niets doe, dan
hetgeen U, mijn God, het aange-
naamste is. O levende bron! ver-
vul toch mijn hart met het vuur
uwer goddelijke liefde, opdat ik
geheel verslonden worde in U,
en niets begeere dan alleen eene
ware kennis van uwe grootheid, en
van mijnen niet, onmagt, krank-
heden en zonden. O, hoe zoet is het
in gezelschap te zijn met en in U,
o Jesus vol van zoetigheid en hei-
ligheid! laat mij van het getal
uwer uitverkorenen wezen. O Jesus,
gever van alle goed! wie zal mij
geven, dat ik geheel mag wezen
en rusten in U ? wie zal mij zoo
een leven geven, dat ik met den
apostel Paulus mag zeggen: ik leef
nu niet meer, maar Christus leeft
waarlijk in mij? Ik bid U, verhoor
mij, mijn Heer en mijn God,
-ocr page 561-
ZALIGEN DOOD.            555
door de verdiensten van al uwe
Heiligen, en bijzonder van uwe
heilige en bedrukte Moeder en
maagd Maria. Het is mij uit den
grond mijns harten leed, dat ik
uwe oneindige majesteit ooit ver-
gramd heb, en oorzaak geweest
ben dat anderen U vergramd heb-
ben, nu vergrammen, of nog
zullen vergrammen; ik wil liever
door uwe goddelijke genade dui-
zendmaal sterven, dan U ooit
meer te vergrammen. Trek dan, o
zoete Jesus, mijn hart altijd tot U,
opdat het, afgescheiden zijnde van
alle aardsche en vergankelijke za-
ken, altijd moge branden in het
vuur uwer goddelijke liefde. O al-
lerheiligste maagd en moeder Gods
Maria! wees gegroet:ik verootmoe-
dig mij voor u, en bid u voor mij
en voor alle menschen vergiffenis
van al onze zonden, een zuiver le-
ven, een waarachtig geloof, eene
-ocr page 562-
556 GEBEDEN OM EENEN
vaste hoop, eene brandende liefde,
en eene volmaakte ootmoedigheid
in deugden te verwerven: bescherm
ons, goedertierene Moeder, in
onze krankheden, kwellingen en
nood, zoo naar de ziel als naar het
ligchaam, bijzonderlijk in het uur
onzes doods, opdat wij, van u be-
schermd zijnde, in den Heer mogen
rusten. O heilige geesten der enge-
len! bidt voor ons, en bijzonderlijk
gij, onze heilige engelbewaarder.
Beschermt ons ook, gij alle Gods lieve
Heiligen; zijt onze voorbidders met
al uwe verdiensten en gebeden, om
hiernamaals eeuwiglij k met u te
mogen leven. Geef, Heer, door al
deze verdiensten en voorspraken,
denle venden vergiffenis en den over-
ledenen de eeuwige rust. Ik wensch,
Heer, uit al mijne krachten en ge-
negenheden, volgens den inhoud
van bovengeschreven uitersten
wil, uwe goddelijke Majesteit zoo
-ocr page 563-
ZALIGEN DOOD.            557
bemind, en nooit vergramd, maar
altijd gediend te hebben, van het
eerste tot het laatste oogenblik
mijns levens toe; en dat alle men-
schen en schepselen zoo deden en
gedaan hadden, die er ooit geweest
zijn, nu zijn, en zullen komen, en
dat uit eene zuivere liefde tot U,
en om Ualleen, mijn Zaligmaker,
aan wien ik mij zelven geheel en
gansch, met zielen ligchaamover-
geve;vertrouwendeopde verdien-
sten van den allerheiligsten naam
Jesus, voor wien alle knieënmoeten
buigen, om te verkrijgen vergiffe-
nisvan al mijne zonden, volkomene
beterschap des levens, en hierna-
maals de eeuwige glorie. O onge-
schapene Godheid, één in wezen en
drievuldig in personen! o God en
mensch, Heer Jesus! in uwe han-
den, met al de bovengeschrevene
begeerten, verzoeken, betrachtin-
gen en oefeningen, met deze woor-
-ocr page 564-
558 GEBEDEN OM EENEN
den: Jesus, Maria! nu en als ik zal
sterven, beveel ik U mijnen geest.
Amen.
GEBED.
Mijn Heer en mijn God! hopende en ver-
trouwende het bovengeschrevene van uwe
goedheid en goddelijke Majesteit te verwer-
ven, draag ik nu en altijd op, voor mij en
voor mijne naasten, als ook tot verlossing van
de geloovige ziefen in het vagevuur, al het
bovengezegde, met alle heilige opdragten der
Missen; ook allen lof, eer en alle heilige wer-
ken en oefeningen, zoo boetvaardige als aa-
dere, die er ooit gedaan zijn, dagelijks ge-
schieden, van alle menschen, van de heilige
en hemelsche geesten, van de allerheiligste
maagd Maria, en bijzonder die van haren
eeniggeboren Zoon Jesus Christus: en vooral
voor die menschen, die de bovengemelde
oefeningen met godsvrucht overdenken, de-
zelve dikwijls bij dag en nacht, zoo door een
inwendig als uitwendig teeken of gedrag, zul-
len komen te vernieuwen, door eenen goeden
wil en uitwerksel, lot eer en roem van U en
uwe gezegende moeder Maria , en onzer ziele
zaligheid Dit alles, o goedertierene God, is
mijne ootmoedige verklaiing, mijn verzoek,
begeerte en uiterste wil, nu en altijd, en bij-
-ocr page 565-
ZALIGEN DOOD.             559
zonder in het uur mijns doods; welken dood
ik gaarne aanneem , en U mijn leven opoffer
tot voldoening voor al mijne zonden, wetende
en onwetende, en waarvan ik bij anderen oor-
zaak ben geweest, zoo tegenwoordige als
toekomende, van welke ik U bid, dat Gij
mij en hen belieft te bewaren. Amen.
Smeekgebed tot den heiligen Rochus, bijzondere
beschermer tegen de pest.
Wien ziet men hier uitverkoren, .
En met een rood kruis geboren,
In dit droevig tranendal?
Wie het is men toonen zal;
Men moet naar den naam niet vragen,
Want hij zal ons wel behagen,
Rochus is de regte man,
Van wiens deugd men spreken kan.
Van zijn\' ouders, eerst gestorven,
Had hij al veel goed verworven,
Gaf den armen met voordacht
Alles, wat was in zijn magt.
Hij heeft zich alsdan begeven,
Om in stilte te gaan leven,
Nam aan in ootmoedigheid,
En ook mede in strengheid,
Zocht ook met een hart vol vreugden,
Eens te staan naar alle deugden,
Heeft zich dit vast voorgesteld,
-ocr page 566-
560 GEBEDEN OM EENEN
Met een mannelijk geweld.
Zijn zin was zeer voor het reizen,
Om zijn\' ijver te bewijzen,
Nam hij pelgrims kleeding aan,
Om zoo onbekend te gaan;
Is dan uit zijn land verdwenen,
In Italië verschenen,
Waar hij zeer veel zieken vond,
Die hij maakte weer gezond.
Zocht te Rome rond te zweven,
Om de kranken troost te geven,
Heeft daar ook gedaan zijn best,
Hielp, die lagen aan de pest.
Ieder werd van hem genezen,
Uit het graf schier als verrezen,
In vele steden overal,
Van dat gruwelijk ongeval.
De begeerte kwam hem wekken,
Om weer naar zijn land te trekken,
Hij werd onder weg zeer krank,
En zijn ziekte duurde lang.
God, om hem eens te beproeven,
Kwam zoo zijnen vriend bedroeven,
Hij kreeg spijs door eenen hond,
Waardoor God hem voedsel zond.
Als hij had zijn kracht hernomen,
Is hij in zijn land gekomen,
Waar hij aanstonds werd verrast,
En als bespieder aangetast.
-ocr page 567-
ZALIGEN DOOD.             561
Daar geraakte hij in boeijen,
Waar men zijne deugd zag groeijen;
Hij bleef gevangen vijf jaar lang,
Doch vond troost in \'t zwaar bedwang.
Hij werd dan wel, tot zijn behagen,
Zelv\' ook met de pest geslagen,
Doch voor dat hij daaraan stierf,
Hij van God voor ons verwierf,
Dat elk, die zijne hulp zou vragen,
In deez\' schrikkelijke plagen,
Zou verlost zijn van de kwaal,
\'t Geen gebeurd is menigmaal.
v. Bid voor ons, heilige Rochus!
r. Opdat wij mogen waardig worden der
beloften van Christus.
GEBED.
Wij aanbidden U, o Heer, die aan
den zaligen Rochus hebt beloofd,
dat degenen die hem zouden bidden
en aanroepen, op geenerlei wijze
van de pest zouden geraakt of be-
smet worden: wij bidden Uootmoe-
diglijk, dat wij die hem in onzen
nood aanroepen, door zijne voor-
spraak van de pest en doodelijke
smarten des ligchaams en der ziel
mogen bevrijd worden. Door onzen
36
-ocr page 568-
562        GEBEDEN OM EENEN
Heer Jesus Christus, uwen Zoon,
die met U en den heiligen Geest
leeft en heerscht, in alle eeuwen
der eeuwen. Amen.
Zie wat gij kiest, eer gij verliest.
Twee zaken stelt u voor de Heer,
Gij kunt kiezen naar uw begeer ,
Of eeuwiglijk met hem te zijn,
Of eeuwig in de helsche pijn.
Hij wil u helpen, helpt gij meê,
Dit hangt aan u, zijt gij te vree;
Kies wat gij wilt, \'t is in uw magt,
Maar eer gij kiest, zijt wel bedacht;
Aan deze keuze hangt het al,
Wat baten of wat deren zal,
Of eeuwig blij, of in \'t geween,
Voor uwe ziel, ge hebt maar één\';
En tel zoo dure zaak niet ligt,
Maar denk aan \'t overgroot gewigt;
Want van Gods oordeel en de hel,
Volgt hiernamaals geen appel.
Dus zie wèl toe wat gij nu doet,
En denk altijd, het gaat voor goed.
Als daar het vonnis is gegaan,
Is het voor eeuwig afgedaan.
Gij zegt : er is daarna nog tijd;
Ik vraag, van waar die zekerheid ?
Heeft God u uitstel toegezeid ,
-ocr page 569-
ZALIGEN DOOD.              563
Of zijt gij meester van den tijd?
01\' zijt gij met den Heer zoo wel,
Dat hij maar wacht naar uw bevel?
Hebt gij met \'t leven een verdrag,
Of zoo den dood in uw ontzag?
Het is zoo niet, gelijk gij ziet;
Ik bid u toch, bedrieg u niet,
Ja, schrik integendeel en beeft,
Als gij bedenkt hoe dat gij leeft.
Zie eens hoe dat uw zaken staan ,
Eer dat gij in \'t geregt zult gaan,
Daar is geen vaste uur noch tijd,
Men is er streng en scheldt niet kwijt.
Het gaat daar erg, geloof het mij,
God is daar regter en partij;
En wat nog \'t allerzwaarste is,
Gij spreekt daar zelv\' getuigenis.
Noch goed, noch kwaad die zwichten nu,
Uw werken die beticht on u,
Zijn deze goed, zij roemen u,
Maar zijn ze kwaad, zij doemen u.
Wat helpt toch aardsch geluk en vreugd,
Als gij te kort schiet in de deugd ,
Als gij in Josaphats vallei,
Zult moeten staan ter linker zij,
En dan, van God vermaledijd,
Ter helle vaart voor de eeuwigheid!
O eeuwig, eeuwig, denk toch wel,
Het is voorwaar geen kinderspel!
/
-ocr page 570-
564        GEBEDEN OM EENEN
Bedenk het wel, wat dat gij kiest,
Hij waagt te veel, die \'t al verliest.
O speel toch niet met \'t eeuwig vuur,
Uw ziel te wagen is te duur.
Verzint eer gij begint.
Wie kan leven zonder beven,
Die nabij het sterven staat,
Waar genuchten zoo haast vlugten,
En het leven u verlaat ?
Gij zult sterven en bederven,
En verwerven loon uaar werk :
Wil uw\' zinnen dan verwinnen,
En steeds hooren naar Gods Kerk.
Wilt gij rusten, toom uw lusten,
Die bederven uw gemoed;
Wil het vleijen toch vermijden,
Dat uw\' ziel den doodsteek doet.
Al dat kwelen, al dat spelen,
Harten stelen vóór en na,
Mag behagen twee drie dagen,
Maar het knagen komt te spa.
Konden uren eeuwig duren,
Daar \'t bezuren niet en zag;
De vermaken u wel smaken,
Maar na \'t staken komt de slag.
Dan is \'t knagen, dan is \'t klagen,
Dan is \'t vragen om vrijheid,
Als de jaren u bezwaren,
Als verloren is de tijd.
-ocr page 571-
ZALIGEN DOOD.             565
Als \'t vermijden, als \'t verleiden,
Als \'t verblijden is gedaan,
Dan komt klagen, dan is \'t schreijen,
\'t Eeuwig weenen komt dan aan;
Als het leven gaat begeven,
En bedreven de ijdelheid,
Dan komt droefheid en berouwen,
Dan beschouwt men de eeuwigheid;
Want uw vleijen, dat het scheiden
Zal verblijden, is te laat:
Wil dan peinzen om te reizen,
En neem wijzen raad voor daad.
Gebed om van God eenen zaligen dood
te verwerven.
Genadigste Zaligmaker, Jesus
Christus, Heer des levens en des
doods, om wiens wille wij leven en
sterven: ik bid U, door uwen hei-
ligen en allerbittersten dood, aan
het hout des kruises, dat uw twee-
de komst in het uur des doods mij
niet slapend vinde, traag en onbe-
reid, maar wakende en daar wel op
bedacht. En laat toch niet toe dat
ik zonder een opregt leedwezen en
volmaakte liefde tot U uit het leven
-ocr page 572-
566        GEBEDEN OM EENEN
seheide, of dat ik uit deze wereld ge-
rukt worde door eeneu onvoorzie-
nen dood; maar verleeu mij, dat ik
gewapend eu versterkt worde iu het
waarachtig christelijk geloof, met
eene grondhartige droefheid over
mijne zonden, na eene regtzinnige
biecht en voldoening. Geef mij dat
ik alsdan mag ontvangen het aller-
heiligste Sakrament des Altaars en
het heilig Oliesel, als alle andere
dingen mij zullen begeven, die men
op deze wereld slechts voor eenen
korten tijd bezit. Gij, die altijd bij
uwe uitverkoornen verblijft, ver-
laat mij niet, bijzonderlijk in dien
uitersten nood, als men met den
duivel moet worstelen. Datmijals-
dan alle heilige engelen bij staan, en
mij, door hunne voorspraak, tegen
alle bekoring beschermen : dat zij
mij in mijne pijnen versterken. Laat
de deugden van geloof, hoop,
liefde en lijdzaamheid de overhand
-ocr page 573-
ZALIGEN DOOD.           567
in mijne ziel hebben, opdat ik met
een welgesteld gemoed mij in uwe
handen mag bevelen, met eene
heilige gedachte mag ontslapen, en
gerustelijk ingaan in het rijk, dat
Gij ons met zoo zwaren arbeid en
gruwzame pijnen hebt bereid. Denk
toch eens op mijne zondige ziel, goe-
dertierene Zaligmaker, Gij die den
berouwhebbenden moordenaar uw
hemelsch koningrijk toegezegd en
genadiglijk verleend hebt, al was
het dat hij zich eerst op het laatste
oogenblik zijns levens tot U keerde;
vergun mij dat ik met hem uit uwen
gezegenden mond die troostvolle
woorden mag hooren: heden zult gij
met mij wezen in het paradijs. Am.
GEBEDEN
om eenen goeden dood te verkrijgen.
ó God! Gij zijt alleen de Heer van
mijn leven. Ik weiger niet van daag
televen;maarikbegeernietteleven,
-ocr page 574-
568       GEBEDEN OM EENEN
indien ik mijn leven niet voor en
tot uwe eer en dienst zal besteden.
Is het dat Gij mij ook heden ge-
biedt te sterven, ik vrees den dood
niet. Ik zal sterven, opdat ik U zie;
ik zal met U sterven, opdat ik eeu-
wig met U mag leven. Ach! dat in,
en door, en wegens mij, en we-
gens al het mijne, uw allerheiligste
wil geschiede in den tijd en in de
eeuwigheid.
Mijn hart is bereid, o God! mijn
hart is bereid. Heer! wat wilt Gij
dat ik doe? Heer! wat wilt Gij dat
ik lij de? Heer! wat wilt Gij dat ik
worde ? Wij bidden U, o Heer, word
verzoend op het ontvangen van onze
overgevingen, en trek genadig on-
zen wederspannigen wil tot U.
Het doet mij leed, en is mij
leed uit ganscher harte, dat ik U
ooit vertoornd heb, o mijn God!
omdat Gij goed, mijne liefde en
mijn God zijt.
-ocr page 575-
ZALIGEN DOOD.           569
Ik bid U, o Heer, dat de vurige
en honigvloeijende kracht uwer
liefde, mijnen geest van alles wat
onder den hemel is afrukke, opdat
ik uit liefde van uwe liefde leve, en
door liefde van uwe liefde sterve,
aangezien Gij, God, mensch gewor-
den zijnde, uit liefde en ter liefde
van mij U verwaardigd hebt te leven
en te sterven.
Heer Jesus Christus! om de bit-
terheid des doods, dien Gij voor mij
geleden hebt aan het kruis, bijzon-
derlijk in het uur toen uwe aller-
heiligste ziel uit uw gezegend lig-
chaam gescheiden is, bid ik U, ont-
ferm U over mijne ziel bij haren
uitgang, en geleid haar tot het eeu-
wige leven. Amen.
Verlos ons, Heer, van eenen haas-
tigenen onvoorzienen dood, door
uwe groote barmhartigheid.
Als wij zullen sterven, verlos ons,
Heer, van eenen kwaden dood,
-ocr page 576-
570 GEBEDEN OM EENEN
door uwe groote barmhartigheid.
Als wij zullen sterven, verlos ons,
Heer, van alle zonden, door uwe
groote barmhartigheid.
Als wij zullen sterven, verlos ons,
Heer, van alle listen des duivels,
door uwe groote barmhartig-
heid.
Als wij zullen sterven, verlos ons,
Heer, van allen schrik en vrees,
door uwe groote barmhartigheid.
Als wij zullen sterven, verlos ons,
Heer, van bekoring, mistrou-
wen en wanhoop, door uwe groote
barmhartigheid.
Als wij zullen sterven, verlos ons,
Heer, van den geest van laatdun-
kendheid, door uwe groote barm-
hartigheid.
Als wij zullen sterven, verlos ons,
Heer, van de verharding des har-
ten , door uwe groote barmhartig-
heid.
Als wij zullen sterven, verlos ons,
-ocr page 577-
ZALIGEN DOOD.            571
Heer, van de magt des duivels,
door uwe groote barmhartigheid.
Als wij zullen sterven, verlos ons,
Heer, van de pijnen der helle,
door uwe groote barmhartigheid.
Als wij zullen sterven, verlos ons,
Heer, van alle aanloksels der we-
reld, des duivels en des vleesches,
door uwe groote barmhartigheid.
Heer, geef aan ons dat wij ster-
vende ontvangen mogen de hei-
lige Sakramenten, door uwe
groote barmhartigheid.
Heer, geef aan ons stervende over-
vloedigheid van uwe goddelijke
genade, door uwe groote barm-
hartigheid.
Heer, geef aan ons stervende een
volmaaktberouw, door uwe groo-
te barmhartigheid.
Heer, geef aan ons stervende eene
vaste hoop en allerzekerst geloof,
door uwe groote barmhartigheid.
Heer, geef aan ons stervende eene
-ocr page 578-
572       GEBEDEN OM EENEN
brandende liefde, door uwe groo-
te barmhartigheid.
Heer, geef aan ons stervende ge-
duld en lijdzaamheid in de pijnen,
door uwe groote barmhartig-
heid.
Heer, geef aan ons stervende sterkte
tegen de aanvallen des duivels,
door uwe groote barmhartigheid.
Heer, geef aan ons stervende eene
volmaakte gelijkvormigheid aan
uwen wil, door uwe groote barm-
hartigheid.
Heer, geef aan ons stervende eene
allervurigste begeerte om U te
aanschouwen, door uwe groote
barmhartigheid.
Heer, geef aan ons stervende den
bijstand van de altijd heilige
maagd Maria, de bescherming
der engelen en de groote voor-
spraak van alle Heiligen, door
uwe groote barmhartigheid.
Heer, geef aan ons stervende de
-ocr page 579-
ZALIGEN DOOD.           573
gebeden en hulp der priesters,
door uwe groote barmhartig-
heid.
Heer Jesus Christus, Zoon van den
levenden God! door uwe heilige
menschwording, wees genadig
over onze zonden, en maak ons
zalig, door uwe groote barm-
hartigheid.
Door uwe geboorte, dat mijne ziel
sterve den dood der regt vaardigen.
Door uwen doop en heilig vasten,
dat mijne ziel sterve den dood
der regtvaardigen.
Door uwen heiligen ijver en werk-
zaam leven, dat mijne ziel sterve
den dood der regtvaardigen.
Door uwen honger, dorst en uw
waken, dat mijne ziel sterve den
dood der regtvaardigen.
Door uw zuchten en uitroepen, dat
mijne ziel sterve den dood der
regtvaardigen.
Door uwe allerbitterste tranen, dat
-ocr page 580-
574 GEBEDEN OM EENEN
mijne ziel sterve den dood  der
regtvaardigen.
Door den allergrootsten schrik   ö
en droefheid des harten,       •*
Door uw bloedig zweet,           j|.
Door het te zamen binden uwer   g"
handen,                                  n#
Door uwe versmading, kaak-   E
slagen en bespottingen,
Door de allerpijnlijkste wonden   ^
der geeseling,                        ®
Door uwe doornen kroon en   ^*
dierbaar bloedvergieten,        ^
Door uw heilig kruis en lijden,   §"
Door de gal en azijn, die Gij   -
O.
gesmaakt hebt,
Door uwe vijf wonden,
Door uwen doodstrijd,              j&
Door uwe allerheiligste ziel in de 5}
handen des Vaders bevolen, en |j
voor de verlossing der wereld g
vanhetligehaamafgescheiden, <g
Door uwen dood en begrafenis, F
God, hemelsche Vader,
-ocr page 581-
ZALIGEN DOOD.           575
God Zoon, Verlosser der wereld,
dat mijne ziel sterve den dood
der regtvaardigen.
                ö
God, heilige Geest,                 «*
Heilige Drievuldigheid,éénGod. 3
Door de ingewanden uwer barrn- e\'
hartigheid,
                           ^
Door de verdiensten en voor- 5]
spraakderallerheiligstemaagd ^
en moeder Gods Maria,
          §"
Door de voorspraak der heilige ^
engelen en aartsengelen, g-
Door de verdiensten en voor- h
spraak der heilige apostelen §*
en evangelisten,
                   p.
Door de verdiensten en voor- g*
spraak der heilige martelaren "*
en martelaressen,
                  3
Door de verdiensten en voor- «J
spraak der heilige bisschop- g
pen en belijders,
                   £L
Door de verdiensten en voor- crq\'
spraak der heilige leeraren, a
Door de verdiensten en voor-
-ocr page 582-
576 GEBEDEN OM EENEN
spraak der heilige monniken en
kluizenaars, dat mijne zielsterve
den dood der regtvaardigen.
Door de verdiensten en voorspraak
der heilige priesters en levieten,
dat mijne ziel sterve den dood
der regtvaardigen.
Door de verdiensten en voorspraak
der heilige maagden en wedu-
wen, dat mijne ziel sterve den
dood der regtvaardigen.
Heilige aarts-engelMichaël, engelen
onzebewaarders, en alle orden der
zalige geesten, en gij onze zalige
beschermers N. N. beschermt ons
in den strijd, opdat wij niet ver-
loren gaan in het schrikkelijke
oordeel; dat mijne ziel sterve
den dood der regtvaardigen.
Engij, o Maria, moeder en maagd,
wonderbare moeder, troosteresse
der bedrukten, koningin aller hei-
ligen: spreek voor ons, opdat onze
geest zonder eenige zondenvlek
-ocr page 583-
ZALIGEN DOOD.              577
straf of schuld, verdiene opgeno-
men te worden van de engelen,en
geleid te worden naar het vader-
land, in het hemelsch paradijs. Am.
Vriendelijke aanspraak tot Christus onzen
regter, om met hem voor de ure des
doods af te rekenen.
Die dag zal weldra verschijnen,
Aan de wereld lang voorzeid,
Als haar schoonheid zal verdwijnen,
En in asch zal zijn geleid.
Dag van gramschap, dag van oordeel,
Strenge, schrikkelijke dag!
Want, dan niemand tot zijn voordeel,
Ook één woord meer spreken mag.
Welk een beven, wat al tranen,
Zal men dan zien overal,
Als men hooren zal bij namen,
\'t Meest verborgenste geval;
Als \'t geluid van de trompetten,
Die, meteenen vreemden klank,
Zullen \'t al in roeren zetten,
Ieder nopen tot den gang;
Uit de graven en de muren,
Zullen dooden voor Gods troon,
Tot verwondring der nature,
Gaan verwachten straf of loon.
37
-ocr page 584-
578        GEBEDEN OM EENEN
\'t Is er al : de Regter mede
Is gezeten op den troon ;
Alle zonden, werk en zeden,
\'t Komt gewis nu al ten toon.
Zie, het boek van ieders leven
Komt te voorschijn eerst vooral,
Alles staat hier opgeschreven,
Zelf \'t verholenste geval.
Wat zal ik dan, zondaar, maken,
Tot wien neem ik mijnen loop ?
\'k Hoor de goeden hier ook raken ,
\'t Schudt en beeft al overhoop.
Groote Heer, vol van genade!
\'k Vlugt in uwen zoeten schoot,
Nooit toch is \'t bij U te spade,
Spaar mij dan toch van den dood.
Ik ben ook een van die menschen,
Ach, gedenk het, Jesus zoet!
Voor wie Gij, naar uwe wenschen,
Hebt gestort uw dierbaar bloed :
Uw vermoeidheid, kruis en lijden ,
Waar ik mede ben gezocht ,
Zijn getuigen te allen tijden,
Dat ik duur ben ingekocht.
Laat die pijn, laat al dat lijden,
Laat dat bloedig kruis voortaan,
Dat er duizend doet verblijden,
Voor mij niet verloren gaan.
Geef dat we onze zonden derven,
-ocr page 585-
ZALIGEN DOOD.              579
Goede Jesus! door gena ,
Eer de dag komt van te sterven,
Eer het namaals wordt te spa.
Ik, o Heer, beken mij schuldig,
Schaamte maakt mij heel vermijd;
Lieve Regter ! wees geduldig,
Zeg, ik scheld u alles kwijt.
Magdalena, door berouwen ,
Heeft uw gunsten ras beproefd,
En des moordnaars vast vertrouwen,
Naar den hemel niet getoefd.
Waarom zal ik min verwachten ?
Wordt mijn bede niet verhoord?
Uwe goedheid kan met magten,
Mij verlossen door uw woord.
Zie, de plaats waar ik moet wezen,
\'t Is aan uwe regter zij;
Waar uw schaapjes uitgelezen
Uit de bokken staan , is \'t vrij.
Ach ! laat mij daar onder schuilen,
Schenk mij ook het eeuwig goed ,
Laat de duivels eeuwig huilen,
Met al hun verspeeld gebroed.
Vol van rouw kom ik dit vragen,
Diep vernederd van gemoed;
Wil toch zorge voor mij dragen,
Als Gij mij hier scheiden doet!
Is er oorzaak om te beven,
Deez\' gewis gaat bovenal:
i
-ocr page 586-
580        GEBEDEN OM EENEN
Dat, om rekening te geven,
Ieder weer ontwaken zal!
Spaar dan, Jesus, alle menschen ,
Breng hen liever naar hun lust,
Tot de vreugde die zij wenschen,
In de nooit gestoorde rust.
Testament van eenen Christen, om dagelijks vóór
de nachtrust en op het einde zijns levens
te herhalen.
Mijn lieve Jesus! ik verlaat al de
genoegens dezer wereld: mijne ziel
schenk ik aan mijnen lieven God,
mijn ligchaam aan de aarde en de
wormen; vrijwillig verlaat ik alle
begeerlijkheden dezes levens, alle
aardsche dingen, welke niet anders
zijn dan ijdelheid.
Alle zonden zijn mij van harte
leed; ik verzaak dezelve, omdat zij
mishagen aan U, mijn God, dien
ik boven alles bemin, die eene on-
eindige liefde waardig zijt.
Ik vergeef ter liefde Gods, en
uit den grond mijns harten, aan al
mijne vijanden.
-ocr page 587-
ZALIGEN DOOD.            581
Ik geloof in éénen God, die één
is in zelfstandigheid en in wezen,
drievuldig in persoon: Vader, Zoon
en heilige Geest; en dat de eenige
Zoon Gods. Jesus Christus, de tweede
persoon der heilige Drievuldigheid,
voor mij is mensen geworden, zijnde
Verlosser en Zaligmaker der we-
reld, looner van het goedeen straf-
fer van het kwade; die van eeneon-
eindige goedheid en wijsheid is.
Ik geloof vastelijk, alles wat de
ware katholijke en apostolijke Kerk
mij voorhoudt om te gelooven.
Ik hoop van de goddelijke goed-
heid, vergiffenis van mijne zonden,
de genade Gods voor al mijne woor-
den, werken en gedachten, en hier-
namaals het eeuwige leven.
Ik bemin U, mijn God, uit geheel
mijn hart, uit geheel mijn gemoed,
uit al mijne krachten, omdat Gij de
oppersteen oneindige goedheid zijt.
Ik onderwerp mij geheel aan al
-ocr page 588-
582 GEB. OM EENEN ZALIGEN DOOD.
hetgeen God door zijnen allerhei-
ligsten wil over mij belieft te be-
schikken. Ik ben bereid om alles
te doen, te lijden, te leven en te
sterven, zooals God wil en het
hem behagen zal.
Ik beveel mijn ligchaam en mijne
ziel aan de voorspraak der roem-
waardigstemaagdMaria,mijnelief-
ste moeder en voorspreektster, aan
den bijstand van den H. Josef, aan
de gebeden van mijnen heiligen be-
schermer N. N., aan de bescher-
ming van mijnen engelbewaarder,
en aan de hulp van alle Heiligen,
opdat zij mij willen bijstaan in het
uur des doods. Amen.
Mijne laate woorden zullen zijn :
Jesus, Maria, Josef!
In hunne armen wil ik leven en
sterven; en als mijne tong deze
heiligenamennietmeerkanuitspre-
ken, zoo zal ik dit doen met mijn
hart; en zoude mijn verstand mij
-ocr page 589-
VEEZ. OM DEZEVEN GAVEN ENZ. 583
ontbreken in het uur des doods,
zoo verklaar ik nu voor den toe-
komenden tijd, en zeg:
Jesus, Maria, Josef!
ó Myn God! in uwe handen beveel ik mijnen
geest. Amen.
VERZOEK
OMDEZEVEïOAVEeESHEILIGENGEESTES.
met eenige krachtige gebeden voor
alle godvreezende zielen.
Aanbidding van den heiligen Geest.
ö Ongeschapen God! o aanbid-
delijke, heilige Geest! aanzie het
maaksel uwer handen, dat naar uw
heilig beeld geschapen is, dorstig
naar de instorting van uwe zeven
gaven en overvloedige genaden.
Kom en verlicht het duister ver-
stand van uwen slaaf door eene op-
regte wijsheid, opdat ikU dieneen
-ocr page 590-
584 VERZOEK OM DE ZEVEN
aanhange in den geest van onthech-
ting van al hetgeen aardsch en tij-
delijk is, in eene volle versterving
en verlating van mij zei ven en mijnen
wil, om geheel voor U te leven. O
goddelijke zon! doorstraal de inge-
wanden mijner flaauwe ziel, want
ik wensch naarU met duizend ver-
zuehtingen : zie op mij en ontferm
U mijner, mijn God! Amen.
Verzuchtingen om de zeven gaven des
heiligen öeestes te verkrygen.
De gave van Wijsheid.
ö Goddelijke Geest, die één zijt
met den Vader en den Zoon! kom
en stortinmij de gave van wijsheid,
opdat ik het kwaad verfoeije en het
goede omhelze. Kom, o Liefhebber
van alle deugden, en schep in mij
een nieuw en wijs hart; opdat ik
het verschil van het eeuwige en
tijdelijke kenne en bevatte. Kom,
o allerwijsste Meester! leer mij
-ocr page 591-
GAVEN DES HEILIGEN GEESTES. 585
onwetenden, uwenheiligen wil ken-
nen en volbrengen, al de dagen mij ns
levens.Kom, o Bron van alle goed,
en wasch mij in het bloed van mij -
nen Verl osser en Zaligmaker. Kom,
o goddelijke Heelmeester! genees
mijne wonden, en verlicht mijne
duistere oogen, opdat ik U kenne
en beminne. Kom, o sterke Almo-
gendheid! verhef mijn traag hart tot
U, en doe mij walgen van hetgeen op
de aarde is. Kom, o goddelijke Zon!
verlicht mijn duister verstand en
beweeg magtiglijk mijnen wil, om
U alleen aan te hangen.
Eere zij den Vader, den Zoon, en
den heiligen Geest; gelijk het was
in den beginne, en nu, en in de eeu-
wigheid der eeuwigheden. Amen.
De gave van Verstand.
O allerheiligste Majesteit! stortin
mij de gave van een opregt en goed
verstand, om U alleen te zoeken,
-ocr page 592-
586 VEEZOEK OM DE ZEVEK
alles buiten U te versmaden, en U
alleenaantehangen.Oeenige troost
der zielen! waarom verbergt Gij U
voor uw schepsel, dat zonder U
niets kan ? O liefderijke, goede
God! doorgrond het binnenste van
uw arm schepsel en trek mij totU.
O allerbarmhartigste Vader der
armen! komen maak mij rijk door
uwe onwaardeerbare schatten;
mijne ziel wenscht naarU. Oaller-
mildste Gever der gaven! zonder
U is er niets in mij, ook niet eene
goede gedachte : kom en verlicht
mijn verstand en verhef mijne ge-
dachten tot U.
O ongeschapene Wijsheid! kom,
zuiver mijne meening van alle
eigenbaat en ijdelenroem. O leven,
dat daar altijd vloeit, in den Vader
en den Zoon! vloei toch in het
binnenste van mijne ziel door eene
volmaakte liefde. Eere zij den Va-
der, enz.
-ocr page 593-
GAVEN DES HEILIGEN GEESTES. 587
De gave van Raad.
Ik aanbid U, o goddelijke heilige
Geest! stort in mij de gave van
raad, opdat ik naar uw welbehagen
de deugden op het allervolmaakt-
ste moge beoefenen.
O goede Meester! aanzie met
uwe minzame oogen, mij blinde en
onwetende, en leer mij den korten
tijd van dit leven, naar uw beha-
gen, ter zaligheid besteden.
Kom, o zoete liefde des Vaders en
des Zoons! heilig mijne ziel tot uwen
heiligen tempel en voorstede.
O allersterkste God! kom en doe
mij dapper alle bekoring en bedrog
des duivels overwinnen. Kom, o
goede Vader! doe mij van harte alle
ongelijk vergeven, gelijk ik vanU
vergiffenis begeer, en doe barmhar»
tigheid aan allen die mij hebben
misdaan. Kom nu, Bruidegom van
mijne ziel! laat mij U alleen uit alle
-ocr page 594-
588 VERZOEK OM DE ZEVEN
krachten mijner ziel beminnen, en
mijne naasten om U.
O allerwijsste Raadsman! laat mij
kennen wat uwe Majesteit van mij
begeert, opdatik uwen wil uit liefde
volbrenge. Eere zij den Vader, enz.
De gave van Sterkte.
Kom, o God, heilige Geest! en
geef mij de gave van sterkte, op-
dat ik den duivel, de wereld en
het vleesch overwinne.
O sterke God! verwin in mij al
mijne kwade driften en bedorvene
genegenheden, opdatik U de korte
dagen mijns levens in rust diene.
Kom, goddelijke Geest! vernietig
mijne traagheid, en geef mij eenen
vurigen geest, omUvolmaaktelijk
dag en nacht te dienen. O onver-
winbare God! laat mij de listen
en lagen des vijands kennen, op-
dat ik dezelve altijd kloekmoedig-
lijk moge verachten.
-ocr page 595-
GAVEN DES HEILIGEN GEESTES. 589
Kom, God, heilige Geest! geef
mij eenen walg van al wat aardsch
en vergankelijk is. O goede God!
doe mij U kennen, opdat ik alles
versmade ter liefde van U.
Kom toch, o allersterkste Heer!
versterk mij, opdat ik in voorspoed
mij niet verheffe, en in tegenspoed
mij met te zeer bedroeve, maar
U in alles mag aanhangen.
Eere zij den Vader, enz.
De gave van Wetenschap.
Kom, o God, heilige Geest! stort
in mijn hart de gave van weten-
schap , opdat ik het goede en het
kwade onderscheide, om het eene
te beminnen en het andere te ver-
achten, opdat ik mag komen tot
de eeuwige zaligheid.
Kom, o allerzoetste rust der ziel!
maakmijnhartzoogerust, opdatGij
daar Uzelven in behaagt. O eenige
begeerte! zonder U zal ik altijd on-
-ocr page 596-
590 VERZOEK OM DE ZEVEN
voldaan blijven, want niets kan
mij verzadigen dan Gij alleen.
Kom, o allerzoetste Vertrooster!
bewoon mijne ziel door uwe zoete
tegenwoordigheid. O heilig licht!
verlicht het maaksel uwer handen,
om uwentwille, want zonder U
blijf ik in duisterheid.
Kom, o Heiligmaker! maak mij
heilig naar uwen wil, naar ziel en
ligchaam.
O alwetende oogen van den A1-
ziende! doorziet het binnenste van
mijne verborgene gedachten en zui-
vert wat U mishaagt.
Eere zij den Vader, enz.
De gave van Godvruchtigheid.
O allerzoetste heilige Geest! ik
werp mij voor uwe voeten, en bid
Uomeeneopregtegodvruchtigheid.
Kom, o goede Meester! leer mij
U altijd in geest en in waarheid
aanbidden.
-ocr page 597-
GAVEN DES HEILIGEN GEESTES. 591
Kom, o allervurigste vlam! ver-
niel mijne groote laauwheid met
het vuur uwer heilige liefde.
Kom, o vinger Gods! schrijf in
mijn hart de goddelijke lessen van
uwen heiligen wil.
Kom, o barmhartige Samaritaan!
genees mijne wonden met de olie
eener opregte godsvrucht en zoe-
tigheid.
Kom, o hemelsch licht! verlicht
mijne duisterheid, opdat ik u
kenne en beminne^
Kom, o goddelijke Liefhebber!
stort in mij die godsvrucht, die
alle vermaak te boven gaat, waar-
vanmijnezielenligchaammagover-
vloeijen. Eere zij den Vader, enz.
De gave van Vreeze Oods.
Kom, o heilige Geest! stort in
mij eene heilige vrees, opdat ik U
nooit vergramme door eene vrij-
willige zonde.
-ocr page 598-
592 VERZOEK OM DE ZEVEN
O sterke Almogendheid! bewaar
mijne ziel voor het allergrootste
kwaad, de zonde; laat mij liever
duizendmaal sterven, dan U eens
te vergrammen.
Kom, o genadige Regter! en ver-
geef al mijne zonden, die ik in
mijn geheel leven begaan heb.
Kom, o Vader der armen! wil
het maaksel uwer handen, dat
naar uw beeld geschapen is, niet
verlaten.
Kom, o allerzoetste licht des har-
ten! verlicht mijn geweten en alle
gewetens die verduisterd zijn.
Kom, o zon der regtvaardigen!
verwarm het binnenste van mijn
koud hart, en doe het smelten in
tranen van een opregt berouw, uit
zuivere liefde tot U.
Kom, o mijn Schepper en Zalig-
maker! geef mij eene heilige vreeze
en tevens eene volmaakte liefde,
en al wat mij noodig is ter zalig-
-ocr page 599-
GAVEN DES HEILIGEN GEESTES. 593
heid, een zalig leven en een heilig
sterven.
Eere zij den Vader, enz.
GEBED.
tot God den heiligen Geest.
Almagtige eeuwige God, die één
met den Vader en den Zoon, en
hunne zelfstandigheid zijt: aanzie
uwe schepselen, door uwe handen
geschapen, en verlost door den kos-
telijken prijs van het heilig bloed
van Gods eenigen Zoon; wil zoo
een kostelijk pand niet verachten,
want zonder Ü kan ik niet eene
goede gedachte, niet het minste
goed uitwerken, nochzalig worden.
Kom dan, o goede Geest! ver-
licht mijn verstand, beweeg mijnen
wil tot het goede, geef mij uwe
zeven gaven in volheid, doorwond
het binnenste mijnerziel, en maak
mij dronken van dien wijn, waar-
van de Apostelen op den pink-
-ocr page 600-
594 VERZOEK OM DE ZEVEN
sterdag dronken waren, opdat ik,
geheel vervuld van U, niet meer
dorste naar hetgeen aardsch en
vergankelijk is.
Verzoek tot God den heiligen Geest, om de
genade van een zalig beroep te verkiezen.
Vader vanbarmhartigheid, die mij
hebt geschapen toen ik een ijdele
niet was, opdat ik, U toebehoorende,
U in dit korte leven zoude dienen
naar uwen heiligen wil, en dan
hierna U bezitten in eeuwigheid.
O alwetend oog van mijnen God!
Gij weet in welk beroep ik mijne
zaligheid het beste zal kunnen be-
werken; dus bid ik U, o minzame
Vader, verlichtmijn verstand, opdat
ik uwen heiligen wil mag kennen
en volbrengen tot mijn eeuwig
geluk en zaligheid; dat ik mijnen
eigenzin en kwade bedorvene ge-
negenheden tot mijn eeuwig on-
geluk niet volge. Roept Gij mij tot
-ocr page 601-
GAVEN DES HEILIGEN GEESTES. 595
den zwaren last des huwelijks, ik
zal dien gaarne aanvaarden, alleen
om aan uwen heiligen wil gehoor-
zaam te zijn en tot mijne zaligheid
te komen; maar trekt Gij mij tot den
geestelijken staat, om geheel voor
U te leven en uwe bruid te zijn. bo-
ven mijne verdiensten, uit zuivere
liefde voor U, zoo bedank ik U, en
bid om uwe hulp, om deze mijne
taak en heilige roeping wel waar te
nemen, tot mijn eeuwig geluk en
zaligheid. Gij weet, mijn God, hoe
mijne ziel lijdt van zoo vele vijan-
den, die haar geluk van alle kan-
ten zoeken te beletten, te weten :
de duivel, de wereld, als ook mijn
eigen vleesch; maar, o goede God !
strijdt Gij voor mij, dan zal ik
niet vreezen ongetrouw te zijn,
Wil uwe Majesteit mij nog meer
verheffen en mij, boven duizen-
den uit het gewoel der bedriege-
lijke wereld, in een kloosterleven
-ocr page 602-
596 VERZOEK OM DE ZEVEN
trekken, om zoo alleen hart aan
hart niet Ute spreken, zoo verzoek
ik dat Gij, mijn Heer, dit in mij ge-
lieft uit te werken door uwe krach-
tigehulp en bijstand; want dit kan
niet geschieden zonder uwe bijzon-
dere genade en goedgunstigheid:
gelijk deze roeping de allerwaar-
digste is, zoo is ook de wederstand
van alle zijden de allergrootste.
Daarom, indien uwe Majesteitmij
die roeping geeft, zoo vertrouw ik
ook, door uwe goedheid, gehoor-
zaam te zij n tot den dood des kruises;
zoodat Gij mij ook eene goede uit-
komst zult geven, aangezienikUuit
geheel mijn hart begeer getrouw te
zijn : niet om mijnen eigen wil te
volgen, maar den uwen; niet om
eenig schepsel, maar uit liefde tot
U, mijnen Schepper, die voor mij
uit den hemel gekomen zij t, uit den
schoot van uwen hemelschen Vader,
om aan Hem gehoorzaam te zijn tot
-ocr page 603-
GAVEN DES HEILIGEN GEESTES. 597
den dood des kruises. Zoo wil ik
ook, ter liefde van U, geheel den
korten tijd van dit sterfelijk leven
opofferen, om mijn eeuwig geluk
te verzekeren, dooreene vrijwillige
offerande van mijne ziel, met alle
krachten van miju ligchaam en van
alles wat ik heb; ontvang, o God,
deze vrijwillige offeranden.
Kom, o God, heilige Geest! geef
mij uwe sterke genade, opdat ik
het goede dat Gij in mij hebt begon-
nen, met kloeken moed moge vol-
trekken, en dat ik niet alle moeije-
lijkheid en opspraak vreeze, die mij
zullen ontmoeten, eer ik zoo ver zal
komen; maar versterkmij metuwen
bij zonderen geest, opdat ik dit werk
beginne en wel voleinde tot het uur
van mijnen dood: dit bid ik U, door
de voorspraak van Maria, de moe-
der van barmhartigheid. Amen.
-ocr page 604-
598 VEKZOEK OM DE ZEVEN
GEBED
voor Jongelingen en jonge Dochters,
om eene zalige verkiezing.
Ik werp mij ter aarde, voor de
voeten uwer Majesteit, o God, hei-
lige Geest! ik verzoek ootmoedig-
lijk.datGij met uw goddelijk licht
wilt verlichten al die jonge harten,
die tot de jaren van onderscheid ge-
komeu zijn; opdat zij uwen heiligen
wil mogen kennen en volbrengen,
tot hunne eeuwige zaligheid.
O goede God! verdrijf uit hun
alle duisternis en ijdele vrees, opdat
zij uwe Majesteit alleen mogenhoo-
ren, en uwe roeping volgen, waar
hun eeuwig geluk van afhangt. O
liefderijke God! trek allemenschen
tot U, opdat zij U hier mogen die-
nen, en hun leven zaliglijken ge-
lukkiglijk voleinden. Amen.
-ocr page 605-
GAVEN DES HEILIGEN GEESTES. 599
GEBED
tot de allerh. Drievuldigheid, en eene
Novene om negen dagen te lezen, tot
het verkiezen van een beroep.
O ongeschapene Drievuldigheid!
ik aanbid U in geest en in waar-
heid; ik bid U, door den naam en
persoonvan Jesus,datGijuweoogen
van barmhartigheid op mij wilt
slaan, dat Gij mij uwen goddelijken
wil en bevelen over mij wilt doen
kennen, en verzoek van uwe Majes-
teit, dat ik van U mag genade ver-
krijgen zonder uitstel; dit bid ik,
door de voorspraak van Maria, de
moeder van barmhartigheid, en ook
door het voorbidden van den H. An-
tonius van Padua (dien bijstand
in den nood), omdat ik mij onwaar-
dig kenne om verhoord te worden
van uwe goedheid, die uwe ge-
nade zoo menigmaal heb verzuimd.
Verlicht mijne duisternis,versterk
-ocr page 606-
600 VEKZOEK OM DE ZEVEN
mij ne krankheid, doe al mijne vrees
en wederstand te niet, opdat ik
uwen wil kenne, en dien kennende
volbrenge; opdat ik, met eene zui-
vere meening beginnende, een
heilig einde mag hebben, om U te
loven in eeuwigheid. Amen.
Driemaal Onze Vadet\\ en driemaal
Wees gegroet, ter eer e van de aller-
heiligste Drievuldigheid.
AANBIDDING
van de aUerheiligste Drievuldigheid.
O allerverhevenste God, Schepper
van het heelal, één in wezen en
drievuldig in personen! ik, uw arm
schepsel en verworpen slaaf, aanbid
U met dezelfde aanbidding, lof en
dankzegging, die de allerheiligste
maagdMaria,inuwetegenwoordig-
heid, ten allen tijde in den hemel U
bewijst; metwelkeikmij enmijnen
wil vereenig, op alle oogenblikken
-ocr page 607-
GAVEN DES HEILIGEN GEESTES. 601
van mijn leven tot in de eeuwig-
heid; en ware het in mijne magt,
zoo zoude ik dat doen door alle
redelijke schepselen, die geweest
zijn, nu zijn en komen zullen. Ont-
vang, o Heer, de goede begeerte
van uwen slaaf, en trek mij en alle
schepsels tot uwe heilige liefde.
GEBED
om de goddelijke liefde te verkrijgen.
Vader van alle barmhartigheid
en God van alle vertroosting! het
is U aangenaam te zijn met de kin-
deren der menschen. O liefde! gij
begeertdatikUzalbeminnen: mijne
ziel wenscht en verzoekt, met
alle begeerte, dat Gij met dit heilig
vuur mijn hart wilt ontsteken; ik
verzoek U, ik bid uwe Majesteit uit
al mijne krachten: doorwond mijn
binnenste met uwe heilige liefde,
maak mij als dronken van dezen
-ocr page 608-
602 VEBZOEK OM DE ZEVEN
allerzoetsten wijn, opdat ik U, mijn
God, altijd in mijn geheugen mag
hebben, en in mijn doen en
laten niets zoeke als uwe meerdere
eer, uit zuivere liefde tot U. O God!
wie U niet zoude liefhebben, omdat
Gij zijt, dien Gij zijt, die leeft niet in
de liefde. O goede God! omdat ik
mij zoo onbekwaam kenne om U
ten volle te beminnen, zoo wil ik
mij vereenigen met de Moeder van
Jesus, en zoo, met haar vereenigd,
wil ik U dag en nacht bemin-
nen met hare liefde, tot in eeu-
wigheid: en ik wensen, zoo menig-
maal als mijn adem uitgaat, Ualle
roem, eer en lof te geven, die U
ooit van eenig schepsel gegeven is,
of kan gegeven worden; en zoo
dikwils als ik mijnen adem zal in-
halen, bid en verzoek ik die
allerzuiverste liefde, welke ik arm
schepsel bezitten kan; en dit alles
verzoek ik ook voor alle Christenen,
-ocr page 609-
GAVEN DES HEILIGEN GEESTES. 603
mijn God en mijn Al! Voor U is het
volle bezit van mijn hart. Amen.
GEBED
tot de allerheiligste maagd Maria, om
eenen zaligen staat te verkiezen.
O Maria, uitdeelster der godde-
lijke genade! verkrijg mij de ge-
nade bij God almagtig, dat ik den
staat mag weten, in welken God be-
geert dat ik hem al de dagen mijns
levens zal dienen. Tot dat einde
draag ik u op mijn hart, mijnen
wil en mijn verstand; wil dit, o mijne
allerliefste Moeder, aan God aan-
bieden; ik verklaar, dat ik dien
staat wil aanvaarden, dien God en u
het aangenaamste zal zijn, en
die tot mijne zaligheid mij van eeu-
wigheid is toegeschikt, opdat ik,
met u, na den korten tijd van dit
leven, mijnen God mag genieten in
eeuwigheid. Amen.
-ocr page 610-
GEBEDEN OPZIGTENS
HET HEILIG SAKRAMBW DES HUWELIJKS.
Pligten der getrouwden tot elkander.
De pligten des mans zijn:
ten eer-
ste, zijne huisvrouw met eene zui-
vere liefde te beminnen, gelijk
Christus zijne Kerk; ten tweede,
haar goede genegenheid te bewij-
zen: haar te behandelen met eerbie»
digheid; haar een goed voorbeeld
te geven, voor haar te bidden; haar
te onderwijzen, te beschermen en
te troosten; haar kennis te geven
van de huiszaken, en te zorgen
voor het onderhoud des huisgezins.
Zij misdoen tegen deze pligten, die
hunne vrouwen verachten, smade-
lijk aanspreken; die zebitter vallen
enz; die haar als dienstmaagden
houden; die bijna alles doen volgens
hunnen zin, zonder kennis van de
huisvrouw; die het goed verkwis-
-ocr page 611-
HET HUWELIJK.           605
ten; eindelijk, hetgeen het ergste
van al is, die hunne vrouwen
dwingen tot schandelijke ongere-
geldheden, onrechtvaardigheid of
andere zonden.
De pligten der vrouwen bestaan : in
haren man den persoon van Chris-
tus te eeren; hem te gehoorzamen,
en hem te leiden door zachtmoedig-
heid; voor hem te bidden, te letten
op het huisgezin; niets aanmerke»
lijks weg te geven of onkosten te
doen zonder verlof.
Tegen deze pligten misdoen,
diegenen die den meester spelen,
hunne mans verachten, van hunne
goedheid misbruik maken; die ge-
durig tegenspreken, enz.; die hun-
nen tijd met praten, spelen en wan-
delen verkwisten, en die het in-
komen met lekkernijen, ijdelheden
en pracht opmaken.
De pligten der getrouwden met
hunne huisgenooten zijn:
te zorgen
-ocr page 612-
606 GEBEDEN OPZIGTENS
voor hunne zaligheid, hun een goed
voorbeeld te geven, hun goedertie-
renheid en liefde te toonen; hun te
vermanen tot het gebed, tot het
aanhooren van het woord Gods,
tot het lezen van goede boeken, tot
het ontvangen der heilige Sakra-
menten, enz. en hun daartoe tijd te
geven. Verder, hunne huisgenooten
niet te verlaten als zij ziek zijn ;
hen aan te zien als hunne broeders
in Christus, en als mededienaars
van denzelfdeu Heer. Gij, heeren,
zegt de H. Paulus, doet aan uwe
knechten, hetgeen de regtvaardig-
heid en beleefdheid vereischt, ge-
denkende dat gij eenen en denzelf-
den Heer in den hemel hebt.
Depliqten tot hunne kinderen zijn: eene
christelijke opvoeding; hiervan
hangt het welvaren van alle staten
af. Daarom gebruik alle bedenkelij-
kemiddelen, om uwe kinderen in de
onschuld des doopsels te bewaren.
-ocr page 613-
HET HUWELIJK.           607
Leer hun de deugd door al uwen
handel; spreek hun van goddelijke
zaken met eerbiedigheid, van de
godvruchtigheid metsmaak, van de
zonde met schrik. Bezorg hun goede
ziel bestuurders en geschikte mees-
ters, heeren, huizen, scholen, win-
kels en woningen. Maak dat zij ten
minste leeren lezen en schrijven,
en dat ze zich oefenen in een goed
handwerk. Bewaar hen van de be-
dorvenheid der wereld, en van kwa-
de gezelschappen, als van de pest.
Zorg dat ze niets zien, noch hooren,
hetgeen de zuiverheid kan hinder-
lijk zijn. Verdraag in hun geene
kwade genegenheden. Laat hen
niet liegen, niet wraakgierig, noch
geldgierig zijn. Breek hunne hoof-
digheid,korzelheid,gulzigheid,enz.
Rasty dhennietuitgramschap, maar
uit liefde, volgens hunne fouten
en hunnen ouderdom. Doe hen de
straffen meer vreezen dan gevoelen.
-ocr page 614-
608 GEBEDEN OPZIGTENS
Berisp hen niet zonder reden. Bemin
het eene kind niet boven het andere,
dan alleen om deugd. Dwinghen niet
tot een beroep. Leer ze \'s morgens en
\'s avonds bidden op hunne knieën,
en eerbiediglijk mis hooren. Leer
hen ootmoedig, vriendelijk en ge-
dienstig zij n, zelfs tot die hun kwaad
doen, en barmhartig jegens de ar-
men, latende door hun somwijlen
eenige uwer aalmoezen uitreiken.
Wachtu vanbij uwe kinderen uwe
driften op te volgen, te vloeken,
te kijven, of u te buiten te gaan in
overdaad, ligtvaardigheid, onge-
duldigheid. Wachtu met verachting
van de deugd en met hoogachting
van de rijkdommen, van de eer,
enz. te spreken, en van al wat de
kinderen niet mogen navolgen. We-
derhoud uwe dochter van de ijdel-
heid in kleeding, van ballen, ko-
mediën, opera\'s en andere gevaarlij-
ke bijeenkomsten, van ijdele boe-
-ocr page 615-
HET HUWELIJK.          609
ken en liedjes, van het spelen en
verkeeren met jongmans en zelfs
met vrouwspersonen, die niets
volgen dan de ijdelheid der wereld
en hunne zinnelijkheid. Om uwe
kinderen de gelegenheid te bene-
men van vele zonden, gewen hen
van jongs af tot het werk, en houd
ze gedurig bezig. Doch opdat de
onderwijzingen, goede voorbeel-
den en berispingen der ouders aan
de kinderen mogen baten, moeten
de ouders voor hunne kinderen
veel bidden.
Eindelijk, dit alles is besloten in
hetgeen de heilige Geest van den
ouden Tobias getuigt, te weten:
dat hij zijnen zoon van zijne
kindschheid afleerde God te vree-
zen, en zich te onthouden van
zonden.
39
-ocr page 616-
610 GEBEDEN OPZIGTENS
GEBED
van den bruidegom, zoo voor zich
zelven als voor zijne bruid.
Heer, mijn God, die het huwe-
lyk, door U zelven ingesteld, zoo
hebt verheven, dat het een groot
Sakrament, en eene afbeeldingvan
de vereeniging van Christus met
zijne bruid, de heilige Kerk,gewor-
den is: Gij hebt mij, zoo ik vertrouw,
door uwen geest aangedreven om
dezen staat te aanvaarden; ik bid
U, geef dat ik mijne bruid,
gelijk uw Apostel beveelt, eer
bewijze. Geef mij eindelijk, dat
ik altijd met Tobias in waarheid
mag zeggen : Gij weet, Heer, dat
ik deze mijne zuster neme tot eene
huisvrouw; niet uit vuile lust,
noch uit eenig ander verkeerd in-
zigt, maar uit enkele begeerte van
nakomelingen te krijgen, die U
loven in der eeuwigheid. Tob. 7.
-ocr page 617-
HET HUWELIJK.            611
Gij plaatst mij in deze betrekking
tot hoofd der vrouw, gelijk Chris-
tus het hoofd zijner Kerk is; geef
mij, dat ik haar trooste, bescher-
me, onderwijze enhelpe, en aan
haar, als het zwakste deel, eer be-
wijze. Geef mij eindelijk, dat ik
haar altijd beminne, niet met eene
zinnelijke en heidensche liefde,
maar heiliglijk en standvastigiijk,
gelijk Christus zijne Bruid.
Zend ook uwen zegen over mijne
bruid; versier haar met de evangeli-
sche deugden, die uwe heilige Apos-
telen Petrus en Paulus aan de ge-
trouwde vrouwen zoo ernstiglijk
aanprijzen : de ootmoedigheid, de
onderdanigheid, de getrouwheid, de
wij sheid, eenvoudigheid in kleeren,
de zedigheid en naarstigheid in het
christelijk bezorgen van het huis-
gezin eninhetopkweekenvanhare
kinderen. Geef haar, o Heer, de oot-
moedigheid van Sara, de zorgvul-
-ocr page 618-
612 GEBEDEN OPZIGTENS
digheid van Rebecca, de minzaam-
heid van Rachel, de vruchtbaar-
heid van Lea; opdat wij, met vrede
en minzaamheid, gezamenlijk voor
het welzijn der huiszaken zorgende,
onze kinderen in uwe vreeze op-
brengen, en hiernamaals met el-
kander in uwe liefde eeuwiglijk
mogen vereenigd zijn.
GEBED
voor de bruid, zoo voor haar zelve als
voor haren bruidegom.
God, die de vereeniging van man
en vrouw, door U ingesteld, zoo
wonderlijk hebt gezegend: sla ge-
nadiglijk uwe oogen op uwe die-
nares, die, zich tot den huwelijken
staat begevende, ootmoediglijk bidt
om uwe bescherming. Maak door
uwe genade, dat mijn juk zoet
en vreedzaam zij. Doe mij de hei-
lige vrouwen navolgen, die door
-ocr page 619-
HET HUWELIJK.           613
hare wijsheid en minzaamheid,
door hare getrouwheid en eerbare
schaamte, door hare onschuld
en godsvrucht, door hare zor-
gen en naarstigheid, de vreugd
en troost geweest zijn van hunne
mans, het steunsel des huisgezins,
het geluk en welvaren van hunne
kinderen.
Geef aanmijnen bruidegom, uwen
dienaar, wijsheid om zijn huisge-
zin wel te besturen, kloekmoedig-
heid in zijne werken, regtvaardig-
heid in zijn bedrijf, reinheid en
zachtmoedigheid in al zijnen han-
del. Maak hem godvruchtig als Abra-
ham, zuiver als Isaak, naarstig als
Jacob, geduldig als Job, wijs als
David, regtvaardig als Tobias.
Verdrijf van hem alle hoogmoed
en twist, overdaad, nijdigheid,
kwaad vermoeden, gierigheid en
andere zonden. Doe ons beiden de
groote lessen van uwen Apostel
-ocr page 620-
614        GEBEDEN OPZIGTENS
gedenken, wanneer hij zegt: dat het
huwelijk eerlijk zij in alles, en het
huwelijksbed onbevlekt.
(Hebr. 13. V. 4.)
Zend over ons uwen overvloedi-
gen zegen; verleen ons de ge-
wenschte vruchtbaarheid; vereenig
onze gemoederen door eene kuische
liefde, opdat wij elkanders lasten
hier helpen dragen, en hiernamaals
met onze kinderen eeuwiglijk mo-
gen bij U zijn.
GEBED
voor eene bevruchte vrouw.
Ik erken en loof U, o God, als den
Schepper van de vrucht, die uwe
dienstmaagd van uwe goedheid ont-
vangen heeft. Dit schepsel is niet
bekwaam om U te bedanken, maar
ik bedank U in zijne plaats, voor
deze eerste en overgroote weldaad;
en tot dankzegging offer ik het-
zelve aan uwe Majesteit op, naar
het voorbeeld van zoo vele heilige
-ocr page 621-
HET HUWELIJK.           615
moeders, alvorens ik het nog ken
en ten volle bezitte. De smarten
welke ik dagelijks gevoel als
dochter van Eva, en die ik nog
verder zal moeten onderstaan,
neem ik aan als eene regtvaardige
straf: tot voldoening van mijne
zonden, en als een middel, waar-
door ik hoop uwe barmhartigheid
te bewegen, om mij in het aan-
staande gevaar, en ook uw schep-
sel, van ongeval te behoeden,
hetgeen aan zoo veel ongelukkige
kinderen overkomt, die eer zij
geboren zijn, zonder den heiligen
doop te kunnen ontvangen, ver-
smacht worden. O mijn God! ver-
hoor het gebed van eene moeder,
die niets zoo zeer wenscht, dan
dat de vrucht haars ligchaams in
den heiligen doop geheiligd mag
worden, om uwen grooten naam
te loven in alle eeuwen. Amen.
-ocr page 622-
616 GEBEDEN OPZIGTENS
GEBED
hetwelk de ouders zullen lezen, ivan-
neer hun kind gedoopt is.
Laat ons den lof des Heeren zin-
gen, want Hij heeft zijne magt en
zijne barmhartigheid hoogelijk aan
ons getoond. Uwe barmhartigheid,
o Heer, en niet de wil van ons kind,
noch onze naarstigheid en zorg,
maar uwe barmhartigheid alleen
heeft ons kind tot den heiligen doop
gebragt en van den duivel verlost.
Het is eene gunst, die noch het
kind, noch wij ooit hebben ver-
diend; eene gunst, waardoor ons
kind niet alleen uit de hand van den
vijand is verlost, maar ook eentem-
pelvan den heiligen Geest, een lid-
maat van Christus, een kind van
den oppersten Koning, en erfge-
naam van zijn rijk is geworden.
Wie kan de grootheid van deze
weldaden overdenken? wie kan U
-ocr page 623-
HET HUWELIJK.           617
genoeg over uwe grootmoedigheid
loven? Dat uwe barmhartigheden,
o Heer, U loven, en de wonderlijke
daden, die Gij aan de kinderen der
menschen doet.
Intusschen, hetgeen wij van uwe
hand hebben ontvangen, schenken
wij U weder. Ontvang dezelevende,
heilige, welbehagelijke opdragt,
welke wij U doen, om ons kind, het-
geen nu het uwe is, zoo op te voeden,
dat het altijd een tempel van den
heiligen Geest blij ve. Dat het altijd
door geloof, hoop en liefde met
Christus vereenigd zij, en de waar-
digheid der kinderen Gods tot het
einde toe beware; opdat het na dit
leven uw eeuwig rijk tot zijn erf-
deel bekome. Amen.
Gebed
i .
van eene moeder, die haren
kerkgang doet.
ö God, die door de vreugd van de
-ocr page 624-
618 GEBEDEN OPZIGTENS
heilige maagd Maria, de droefheid
en smarten der geloovigen die ba-
ren, in blijdschap hebt veranderd:
sla uwe oogen op mij, uwe die-
nares, die tot dankzegging, met
vreugde uwen heiligen tempel in-
gaat , en verleen mij, door de voor-
spraak van dezelfde heilige Maagd,
dat ik, na dit leven, mag waardig
zijn met mijne vrucht tot de eeu-
wige blijdschap te geraken. Amen.
GEBED
van Ouders, om hunne kinderen in
een christelijk leven op te brengen.
ö God, opperste Vader van mijne
kinderen, aan wien zij toebehoo-
ren; die mij den last hebt opgelegd
hen in uwe vrees en liefde op
te brengen: geef mij dat ik mij van
dien pligt wel moge kwij ten, en die
strenge verbindtenis goed mag vol-
brengen, opdat zij de onschuld des
doopsels door mijne onachtzaam-
-ocr page 625-
HET HUWELIJK.           619
heid niet verliezen. Geef mij sterkte,
opdat ik in hen het kwaad, hetwelk
zij tegen uwe wet mogten bedrijven,
niet ongestraft late, en neem van
mij de zwakheid des harten, die
mij mogt beletten hunne kwade
genegenheden te verbeteren.
Heer! ik beken dat de zonden
van mijn voorgaande leven en ook
de ligtvaardigheid met welke ik mij
tot het huwelijk heb begeven, mij
deze genade onwaardig maken;
maar ik bid U daarvoor met een
grondhartig leedwezen om vergif»
fenis, wenschende door eene goede
opvoeding mijner kinderen te ver-
gelden, hetgeen ik in mijne jonge
jaren heb misdaan. Ik bidUook, o
goedertierene Vader, gelief mijnen
handel in het tijdelijke te zegenen,
maar bewaar mij van de ongeregelde
begeerte om hen rijk of groot te
maken. Dat uwe vrees en liefde
het voornaamste erfdeel zij, het-
-ocr page 626-
620 GEBEDEN OPZIGTENS
welk ik hun nalate. Geef dat het
huisgezin, door uwe Voorzienig-
heid mij aanbevolen, een huis zij
van godsvrucht, waar Gij gesta-
dig geloofd wordt, opdat wij U
gezamenlijk in eeuwigheid mogen
loven en aanschouwen. Amen.
Gebed van eene iveduwe.
ö Heer! ik buig mij onder uwe hei-
lige schikking, die mij de medehulp
onttrokken heeft, welke uwe goed-
heid mij had gegeven. Ik neem
deze berooving van mijnen troost
gaarne aan, tot eene zalige boete
voor de zonden, die ik zoo menig-
maal bedreef, als ik tegen uwen
wil vermaak en troost heb gezocht
bij de menschen. Ik was door uwe
wet aan mijnen man verbonden zoo
lang hij leefde; nu is het mij wel
vrij eenen anderen in den Heer te
trouwen, maar Gij leert mij door
uwen Apostel, dat ik gelukkiger
-ocr page 627-
HET HUWELIJK.            Ï?Z:
zal zijn, indien ik blijve, gelijk
ik nu ben. Verleen mij de genade
om mij dit te doen bevatten, mij tot
zoodanig leven genegen te maken,
en mij dezen staat heiliglijk te doen
beleven. Gij verfoeit, o God, zulke
weelderige weduwen, die in wei-
lust leven, en zegt dat zij al levende
dood zijn; verwijder van mij dan
de dartelheid. Laat mijn genoegen
slechts zijn, volgens het voorbeeld
der heilige weduwe Anna, U met
vasten en bidden dag en nacht te
dienen. Geef dat ik met Judith,voor
U in het verborgen levende, mijnen
troostinde eenzaamheid en in wer-
ken van boetvaardigheid vinde. Doe
mij mijne hand openen aan behoef-
tigen; doe mij letten op den handel
enzedenmijnerhuisgenooten,trach-
tende hun alle godsdienstigheid te.
leeren, en mij zoo stichtelijk te ge-
dragen, dat ik voor U en voor de
menschen onberispelijk zij. Amen.
-ocr page 628-
622 GEBEDEN OPZIGTENS
GEBED
van maagden, om genade in hunnen
staat te verkrijgen.
Eeuwige Wijsheid en Woord des
Vaders, die, uit eene maagd geboren
zijnde, den maagdelijken staat tot
de hoogste eer verheven hebt : ik
bedank U met alle ootmoedigheid,
dat Gij U verwaardigd hebt mij tot
uwe bruid aan te nemen, en mij
onder het getal der God toegewijde
maagden te stellen. Geef mij, o Heer,
dat ik mij in dien verheven naam,
of in het maagdenkleedsel nooit
verijdele, maar, dat ik, volgens den
geestvan mijnen staat, getrouwelijk
mag wandelen. Doe mij de wereld
versmaden, de stilzwijgendheid, de
eenzaamheid en het verborgene le-
. ven lief hebben. Doe mij mijn ver-
maak vinden in metU om te gaan in
het gebed, en van Ute hooren spre-
kenin uw heilig woord. Doe mij de
-ocr page 629-
HET HUWELIJK.          623
waarheid zoeken en opvolgen, uwe
Kerk beminnen, en veel voor haar
bidden. Geef dat ik ootmoedig", lief-
tallig, eerbiedig en vol van liefde
mag zijn tot alle menschen, en hen
mag stichten door een heilig leven.
Dat ik in mijnen handel eeue wij-
ze eerbaarheid, voorzigtige ge-
voegzaamheid, gestadige zacht-
moedigheid, en eene zuivere vrij-
moedigheid doe uitschijnen. Doe mij
zien, dat de ootmoedigheid gevaar
lijdt in den rijkdom, de godvruch-
tigheid in de bekommernis, de
waarheid in het veel spreken, de
matigheid in de maaltijden en goede
sieren, de geest des gebeds in het
gewoel der menschen, en de zui ver-
heid in een ieder en in alles te zamen.
Doe mij door uwe liefde branden,
buiten U niets beminnen, loffelijk
leven, zonder den lof der menschen
te zoeken. Wees Gij-alleen mijne
eer, mijne vreugd, mijn behagen,
-ocr page 630-
624 GEBEDEN OPZIGTENS
mijn troost in droefheid, mijn raad
in zwarigheid, mijne bescherming
in ongeluk, mij:^ geluld in lij-
den, mijne spijze in vasten, en
mijn geneesmiddel in krankheid.
Doe mij de heilige maagdom onbe-
vlekt bewaren, alle geweld desvij-
ands overwinnen, het vasten en ver-
sterven boven de vleeschelijke wel-
lusten stellen, het lezen en bidden
boven de maaltij den en lekkernij en;
opdat ik, door bidden gevoed, door
onderwijzingen vervuld, door wa-
ken verlicht zijnde, eene maagd
mag wezen naar uw hart, heilig
van ligchaam en geest.
Geef ook, bid ik U, aan mijnen be-
stuurder eene goddelijke wijsheid,
opdat ik door zijne besturing ge-
stadig volgens de waardigheid van
mijnen staat wandele, en mij be-
reide om met eene brandende lamp
U, mijnen bruidegom, na dit strij-
dende leven te gemoet te gaan, en
-ocr page 631-
HET HUWELIJK.           625
dat ik, de koninklijke deur van het
koninkrijk der maagden vindende,
tot de bruiloft van het Lam mag in-
gaan, om het te volgen alwaar het
gaat, en in eene altijddurende
vreugd, het heiligemaagdengezang
te zingen in eeuwigheid. Amen.
GEBEDEN VOOR ZIEKEN.
1. Ik verklaar voor God almag-
üg,! dat ik wil leven en sterven als
kind van de heilige katholijke en
apostolijke Kerk, vastelijk geloo-
vende al hetgeen zij gelooft en
voorstelt om te gelooven.
2.  Ik vraag ootmoediglijk ver-
giffenis van al mijne zonden,va
bedreven tegen God, tegen mijne
naasten, tegen mij zelven, we-
tent> of onwetens, groote en
kleine, en van al de zonden d\'
mijr. evenmensch, door mij
o*£i\'m TT>ftgt bedreven hebben.
S^                                        40
/
,
-ocr page 632-
626                GEBEDEN
Dit verzoek ik door de verdien-
sten van Christus, door de krach-
tige voorspraak van deallerheiligste
maagd Maria, van mijnen Engel-
bewaarder, mijne heilige patronen
N.N. en van alle Gods lieve Heiligen.
3. Ik vergeef uit den grond mijns
harten aan allen die mij hebben
misdaan, en bid ootmoediglijk om
vergiffenis voor allen, aan wien ik,
met woorden of werken, ontstich-
ting heb gegeven, of die ik ander-
zins zou mogen hebben gestoord.
4.  Ik bedank God voor alle be-
kende en onbekende weldaden, die
hij mij in geheel mijn leven heeft
bewezen, en die oneindig zijn. Ik
wensch hem daarvoor in de eeu-
wigheid te mogen bedanken. Tot
dankzegging offer ik hem op geheel
Tnij zei ven, vereenigd met het lijien
\'e wonden van Jesus zijnen Zoon.
. Ik verzoek van nu af de be-
»rming van de heilige maxgd
-ocr page 633-
VOOR ZIEKEN.             ()27
Maria, van mij uen Engel-bewaarder,
mijne patronen N. N., en alle Hed-
ligen; biddende dat zij mij in mijn
uiterste willen bijstaan, en voor
mij verkrijgen een onwankelbaar
geloof, eenè vaste hoop, eene bran-
dende liefde, eene diepe ootmoe-
digheid, eene volkomene onder-
werping en geduldigheid, en alle
andere deugden die mij noodig
zijn in het uur van mijnen dood.
6.  Ik verzaak al de bekoringen
en kwade gedachten, die de vijand
mij alsdan zoude kunnen ingeven,
en ik wil tot het laatste toe verzaken
aan satan en al zijne werken.
7.  Ik beveel van nu af mijne ziel
aan God, die haar geschapen heeft;
aan Jesus Christus, die ze door zijn
heilig bloed verlost heeft, en aan
den heiligen Geest, die ze heilig ge-
maakt heeft. En indien ik in mijnen
doodstrijd onbekwaam ware om mij
met God te vere^nip-en, zoo offer
!, I
ÉL
-ocr page 634-
628           GEBEDEN VOOR \'
ik hem van uu af uiijneu dood-
strijd, mijne pijnen en benaauwd-
heden op, vereenigd met die van
Christus, tot vergiffenis van mijne
zonden. Ik werp mij, o Jesus, in
uwe armen, en stel mijne ziel in
uwe geopende zijde, opdat zij al-
daar bevrijd moge zijn tegen de
woede der helsche geesten. Amen.
Korte verheffing des gemoeds, tot
troost der zieken.
De Heer slaat, en Hij geneest;
de Heer brengt ons tot den dood,
en wederom tot het leven.
Wat zal ik tegenspreken? het is
de Heer die dit gedaan heeft.
Die mijn kruis niet opneemt en
mij niet volgt, die is mijner niet
waardig.
Ik groet en omhels u met ge-
heel mijn hart, o dierbaar kruis.
Ik wensch niets anders, dan dat
de Heer, die begonnen heeft mij te
-ocr page 635-
ZIEKEN.                 629
slaan, voortga. Ik zal de woorden
van de Heiligen niet tegenspre-
ken.
Er is niets geschied dan hetgeen
de Heer gewild heeft: geloofd zij
zijn heiligen naam.
Ik zal den Heer loven en danken
ten allen tijde, en vooral nu, ter-
wijl hij mij uit liefde en tot wei-
varen mijner ziel bezoekt.
Heer! Gij wilt dat ik mijne ziekte
heiliglijk zal gebruiken; geef, o
Heer, hetgeen Gij gebiedt, en ge-
bied al wat U belieft.
Ik kus met liefde de hand der
goddelijke regtvaardigheid, die mij
kastijdt. Hoe hard zij mij slaat,
zij slaat mij barmhartiglijk; want
hare slagen zijn minder dan mijne
zonden.
Hetgeen Gij gezegd hebt tot uwe
Apostelen, o Heer, te weten: dat hun
de geduldigheid noodig was, zie ik
nu allerbest; geef mij die noodige
A
-ocr page 636-
630 GEBEDEN VOOR
deugd, opdat ik mijne ziel in lijd-
zaamheid bezitte.
Gelijk de pijnen die ik met Chris-
tus lijd, overvloedig zijn, dat ook
o God, de vertroosting door Chris-
tus in mij overvloedig zij.
Heer! verhoor mij haastiglijk,
want ik ben benaauwd.
Waarom zijt gij bedroefd, mijne
ziel\'? waarom ontstelt gij u? Ver-
trouw op God, want ik zal hem nog
loven. Hij is mijne vreugd en mijne
zaligheid; hij is mijn God.
Ik aanbid, o Jesus, de pijnen die
Gij geleden hebt. Ik draag U mijne
smart op, o mijn Verlosser, ver-
eenigd met de uwe. Vereenig en
smelt mijn leven te zamen met het
uwe, o Jesus.
Dat uwe smarten, o mijn Zalig-
maker, de mijne heilig en verdien-
stelijk maken.
-ocr page 637-
ZIEKEN.                 681
Als de zieken iets goeds hoeren lezen.
Ik zal hooren, wat de Heer in
mij spreekt. Hij zal mij troosten en
helpen.
GEBEDEN
die men voor de zieken zal lezen".
ü
ö God, die de bijzondere hulp en
bijstand der menschelijke krank-
heid zijt: toon uwe krachtige gena-
de over dezen uwen dienaar (diéna-
res), opdat hij (zij), door uwen ge-
nadigen bijstand geholpen zijnde,
wederom gezond aan uwe heilige
Kerk vertoond mag worden.
Wij bidden U, Heer God, verleen
aan dezen uwen dienaar (dienares),
dat hij (zij) eene gestadige gezond
heid genieten mag naar ziel en li)
chaam, en, door de roemwaardij
voorspraak van de heilige maa^
Maria, van de tegenwoordige droei
heid verlost zijnde, de eeuwi
blijdschap bekome.
-ocr page 638-
632             GEBEDEN VOOR
Heer! zie op uwen dienaar (die-
nares) die onder de zwakheid zijns
(naars) ligchaams zucht, en ver-
kwik de ziel die Gij geschapen
hebt; opdat hij (zij), door uwe kas-
tijding gebeterd zijnde, gewaar wor-
de dat hij (zij) door uwe genezen-
de hand geholpen is; door Jesus
Christus onzen Heer. Amen.
Deze gebeden beslaan ten eerste, in eenige
korte oefeningen van de voornaamste deugden,
die voor de stervenden noodig ziju, en die men
hun, zoo lang de geest niet bedwelmd is, stil,
de eene na de andere, kan voorhouden, hun
nogtans tusschenbeide tijd latende, om dezelve
van harte te overdenken. Ten tweede, in an-
dere gebeden die langer zijn, en die de heilige
Kerk voor de stervenden doet. Deze dienen
n van de omstaanders gebeden te toorden, als
\'. stervende zijn uiterste nadert.
Oefening van Geloof.
Opperste Waarheid! ik geloof al
3tgeen Gij ons door uwe heilige
jrk geopenbaard hebt.
-ocr page 639-
ZIEKEN.                    6^
Ik geloof dit alles, omdat Gij
niet kunt bedriegen, en niet
drogen kunt worden.
Mijn God! in dit geloof wil
leven en sterven.
Oefening van Hoop.
Al zijn mijne zonden groot en
menigvuldig, ik hoop nogtans, o
mijn God! dat Gij ze allen zult ve"-
geven, en mij de genade verleenev
van tot het uiterste toe in uwe
liefde te volharden.
Dit hoop ik, omdat Gij almagtig
en barmhartig zijt, steunende op
de verdiensten van mijnen eenigen
Verlosser en Zaligmaker, Jesus
Christus.
>7?lf
Oefening van liefde tot God.
Ik bemin U, mijn God, uit ge-
heel mijn hart, omdat Gij oneindig
beminnenswaardig zijt.
-ocr page 640-
\'**&              GEBEDEN VOOE
rj
1 j Oefening van liefde tot den
evenmensch.
\\v,.
hetK bemin, mijn God, mijnen
emnensch, en zelfs mijne vijan-
n, om uwentwil.
Ik bid uit geheel mijn hart om
vergiffenis, aan al degenen die
ik vergramd heb, en ik vergeef ook
van harte aan allen die mij kwaad
yillen, of ooit kwaad gedaan
nebben.
Oefening van berouw.
Mijn God! het is mij uit geheel
mijn hart leed, dat ik U ooit ver-
gramd heb.
Ik verfoei mijne zonden, omdat zij
uwe Majesteit mishagen; ik neem
mij vast voor, met de hulp van uwe
genade, te leven en te sterven in
uwen heiligen dienst, zonder U
ooit meer te vergrammen, unimsd
-ocr page 641-
ZIEKEN.                  635
Oefening van voldoening.
Om te voldoen aan u, o godde-
lijke regtvaardigheid, zoo veel als
ik kan, aanvaard ik van harte den
naderenden dood.
Het is regtvaardig, dat de ziel,
die zich zoo menigmaal van God
heeft afgescheiden om hare driften
op te volgen, nu ook van haar lig-
chaam gescheiden worde.
Ik ben te zeer aan de schepsels
gehecht geweest, en daarom ben
ik bereid die alle te verlaten.
Ik heb U, mijn God, vergeten,
toen ik leefde : het is regtvaardig,
dat ik nu ook van de menschen
vergeten worde.
Al mijne zinnen hebben mij tot
zonde gediend; het is dus redelijk
dat ik hun gebruik nu moetmissen.
-ocr page 642-
-s *-"^"-! ?tliiT7^-^ITj>
LITANIE
voor de Stervenden.
Antiph. Spaar, o Heer Jezus Christus,
spaar uwen dienaar
(uwe dienaresJ, die Gij
met uw dierbaar bloed verlost hebt
; wil toch
niet eeuwig op hem (op haar) vergramd blijven.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Heilige Maria, bid voor hem (voor
haar.)
AlleH. Engelen en Aartsengelen, g
Heilige Abel,
o
o
-
A
H. Abraham,                          __
H. Joannes de dooper,             g
H. Josef,                               jt
Alle H. Oudvaders en Profeten, g
o
H. Petrus,
H. Paulus,                             g-
H. Andreas,                           §
H. Joannes,                           ^
-ocr page 643-
LITANIE VOOEDE STERVENDEN. 637
Alle H. Apostelen en Evangelisten
bidt voor hem (voor haar.)
Alle H. Leerlingen des Heeren,
Alle H. Onnoozele kinderen,
H. Livinus,
H. Stephanus,
H. Laurentius,
H. Bonifacius,                           
Alle heilige Martelaren,            ^
H. Silvester,                               |
H. Gregorius,                             *
H. Augustinus,                          §f
Alle heilige Bisschoppen en Be- B
lijders,                                    ^
H. Benedictus,                           §
H. Franciscus,                           JJ.
Alle heilige Monniken en Klui- g
zenaars,                                Jj,
Heilige Maria Magdalena,
H. Lucia,
Alle H. Maagden en Weduwen,
Alle Gods lieve Heiligen,
Wees genadig, spaar hem (haar)
Heer.
-ocr page 644-
638            LITANIE VOOR
Wees genadig, verhoor hem (haar)
Heer.
Wees genadig, verlos hem (haar)
Heer.
Van uwe gramschap,
Van het gevaar des doods,
Van eenen kwaden dood,
           <
Van de pijnen der hel,              £L
Van alle kwaad,                          §
Van het geweld des duivels, j=f
Door uwe geboorte,
                     3
Door uw kruis en lijden, ^
Door uwen dood en uwe begra- g
fenis,                                           3
Door uwe heerlijke verrijzenis, ffi
Door uwe wonderlijke hemel" g
vaart,                                •**
Door de genade van den hei-
ligen Geest, den Vertrooster,
In den dag des oordeels,
Wij zondaren, wij bidden U, ver-
hoor ons.
Dat Gij hem (haar) wilt sparen, wij
bidden U, verhoor ons.
-ocr page 645-
DE STEEVENDEN.          689
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Onze Vader, enz.
Bij het sterven der kranken.
Vertrek, o christen ziel, uit deze
wereld, in den naam van God den
Vader alrnagtig, die U geschapen
heeft; in den naam van Jesus
Christus, den Zoon van den leven-
den God, die voor U geleden heeft;
in den naam van den heiligen
Geest, die u is ingestort.
In den naam der Engelen en
Aartsengelen; in den naam der troo-
nen en heerschappijen; in den naam
der Cheruhijnen en Serafijnen; in
den naam der heilige Apostelen; in
den naam der heilige Martelaren en
Belijders; in den naam der heilige
Monniken en Kluizenaars; in den
-ocr page 646-
640              DE H. MISSE
naam der heilige Maagden en van
alle Gods lieve Heiligen : heden zij
uwe plaats in vrede en uwe woning
in het heilig Sion: door denzelfden
Jesus Christus, onzen Heer. Amen.
GEBEDEN ONDER DE HEILIGE MISSE
voor de zielen der geloovige over-
ledenen.
Het is eene heilige en zalige gedachte, voor
de afgestorvenen te bidden, opdat zij van
hunne zonden mogen ontbonden worden.
H. M. Bach. XII. 46.
Voorbereiding.
Overtuigd, o eeuwige Vader, dat
U niets meerder behagen kan, dan
uw eenige Zoon, in wien Gij uw
welbehagen genomen hebt; en daar
hij de verzoening voor de zonden
der geheele wereld geworden is :
zoovereenigikmijinhemmet dezen
-ocr page 647-
VOOR OVERLEDENEN. 641
priester, om U deze offerande, en
in dezelve, uwen eenigen Zoon
aan U op te dragen.
In vertrouwen al het goed, dat
ik in den naam van uwen Zoon
door deze offerande van U ver-
zoek, te zullen verkrijgen, zoo
offer ik U deze offerande op, voor
de ziel (zielen) van N.N. en bid U,
zoo deze nog niet ten volle aan
uwe goddelijke regtvaardigheid
heeft voldaan, en zich nog onder
de lijdende zielen in het vagevuur
bevindt, dat de genadestem van
het bloed uws Zoons haar ver-
trooste en tot de gewenschte za-
ligheid roepe, waar zij in uwen
vrede eeuwig rusten mag.
Niets van al hetgeen besmet is
kan ten hemel ingaan; waar is dan
de mensch, die in zijn sterven zoo
zuiver bevonden wordt, dat hem
niets meer te boeten overblijft?
Om deze bedenking dan, doe mij in
41
-ocr page 648-
642             DE H. MISSE
mijne verbeelding, de ziel (zielen)
van den (de) overledene, voor
welke deze offerande zal worden
opgedragen, dikwijls voorkomen,
alsof zij in hare smarten, met den
weleer lijdenden Job, mij en an-
deren smeekende toeroept : ont-
fermt U mijner, ten minste gij die
mijne vrienden zijt; want de hand
des Heeren heeft mij getroffen.
Verleen mij dan, bid ik U, o
barmhartige Vader, dit liefdewerk
zoo te volbrengen, dat ik deze of-
ferande met den priester, voor de
ziel (zielen) van N.N. op eene aan-
gename wijze aan U mag opdragen,
opdat zij aan de oneindige voldoe-
ning van uwen allerliefsten Zoon
deelachtig, en van hare schulden
ontslagen worde, en te gelijk ook
mijne ziel van den eeuwigen dood
bevrijde, en de menigte mijner
zonden uitwissche. Door Christus,
onzen Heer. Amen.
-ocr page 649-
VOOR OVERLEDENEN. 643
BEGIN DER MISSE.
Confiteor. Schuldbelijdenis.
Op de menigvuldigheid uwer
barmhartigheden vertrouwende,
heken ik voorU, o genadige God, en
den gansenen hemel, dat ik zeer
gezondigd heb; het is mijne schuld,
mijne schuld, mijne allergrootste
schuld. Daarom bid ik U, o God,
uit het diepste mijns harten, om
vergiffenis en kwijtschelding mij-
ner schulden, en die der overle-
dene geloovigen, voor welke deze
offerande wordt opgedragen.
Verleen mij deze genade, o God !
verhoor mijn gebed, en laat mijn
smeeken tot U komen.
Introïtus. - Ingang.
Heer! geef hun de eeuwige rust,
en dat het eeuwige licht hen ver-
lichte. In Sion betaamt U alle lof,
o God, en in Jerusalem zal men U
-ocr page 650-
644             DE H. MISSE
beloftebetalen. Verhoormijn gebed,
o God, dat alle vleesch tot U kome.
Heer! geef hun de eeuwige rust, en
dat het eeuwige licht hen verlichte.
Kyrie eleison. - Ontferming.
Heer! ontferm U over de zielen,
die geloovig in uwe liefde gestor-
ven zijn. Christus! ontferm Uhun-
ner, die Gij door uw dierbaar bloed
hebt afgekocht. Heer! ontferm U
hunner, die de Schepper en eeu-
wige Vertrooster zijt.
Collecte. - Verzameling der Gebeden.
Gebeden op eene Uitvaart
ö God, wien het altijd eigen is te
sparen en genadig te zijn : wij bid-
den U ootmoediglijk voor de ziel
van uwen dienaar (dienares) wel-
ke Gij uit deze wereld hebt doen
verhuizen; opdat Gij haar niet
overgeeft inde handen des vijands,
-ocr page 651-
YOOE OVERLEDENEN. 645
noch ten einde toe vergeet, maar
dat zij door de engelen opgenomen
en in het hemelsch paradijs gebragt
worde, en omdat zij in U«geloofd
heeft, van de onderaardsche pijnen
verlost, de eeuwige vreugde ge-
niete. Door Christus, onzen Heer,
die met U en den heiligen Geest, God
zijnde, leeft en heerscht, door alle
eeuwen der eeuwen. Amen.
Gebed ondei* de jaarlijksche dienst.
Heer, die een God der goeder-
tierenheid zijt: verleen aan de ziel
van uwen dienaar (of dienares) wel-
ker jaargetijde wij heden houden,
de eeuwige verkwikking, de zalige
rust, en de klaarheid van uw god-
delijk licht: door onzen Heer Jesus
Christus. Amen.
Gebed voor eenen manspersoon.
Heer! neig uwe ooren tot onze
ootmoedige gebeden, door welke
-ocr page 652-
646             DE H. MISSE
wij uwe goedertierenheid sineeken,
dat Gij de ziel van uwen dienaar
N.N., die Gij uit deze wereld hebt
doen verhuizen, in het land van
vrede en licht wilt stellen, en haar
het gezelschap uwer Heiligen doen
genieten. Door onzen Heer Jesus
Christus. Amen.
Gebed voor een vrouwspersoon.
Wij bidden U, o Heer, wees de
ziel van uwe dienares N. N. naar
uwe goedertierenheid genadig, en
herstel haar, die nu van de besmet-
ting der sterfelijkheid verlost is, in
het erfdeel der eeuwige zaligheid.
Door onzen Heer Jesus Christus. Am.
Gebed voor alle geloovige zielen.
ö God, Schepper en Verlosser al-
ler geloovigen! verleen aan de zie-
len uwer dienaren en dienaressen
de vergiffenis van al hunne zonden,
opdat zij de genadige kwijtschel-
-ocr page 653-
VOOR OVERLEDENEN. 647
ding, waar zij altijd naar verlangd
hebben, door godvruchtige gebeden
mogen verwerven: die leeft en
heerscht, in alle eeuwigheid. Amen.
Epistel.
Broeders! wij zullen wel allen ver-
ri^en, maar niet veranderd wor-
dei. Óp een wenk, in een\' oogen-
blit, als de laatste bazuin zal bla-
zen zullen de dooden onbederfelijk
verrjzen, en wij zullen veranderd
worcen. Bedroeft u niet over de
afgestorvenen, gelijk de heidenen,
die ge>ne hoop hebben; want God
zal degenen die in Jesus ontslapen
zijn, net hem opvoeren, en alzoo
zullen zj voor altijd met den Heer
zijn. Zaig zijn de dooden die in
den Heer sterven; van nu af, zegt
de heiligeGeest, zullen zij rusten
van hunnq arbeid, want hunne
werken vo^en hen.
\\
-ocr page 654-
648             DE H. MISSE
Onder het Graduale, tot aan het
Evangelie.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
en dat het eeuwige licht hen ver-
lichte.
De regtvaardige zal zijn in eei-
wige gedachtenis: hij zal voor geen
kwaad gerucht bevreesd zijn.
Heer! ontbind de zielen der £e-
loovige overledenen van den bind
der zonden, en geef dat zij ioor
uwe genade het oordeel iwer
wraak ontkomen, en de zaligheid
van het eeuwige licht gentten.
Hierna volgt, de Dag van granschap,
bladz. 401.
Evangelie.
De ure komt, dat aller die in de
graven zijn de stem vanden Zoon
Gods zullen hooren. E> die goed
gedaan hebben, zullen t voorschy n
komen en verrijzen totiet eeuwige
-ocr page 655-
VOOE OVERLEDENEN. 649
leven; maar die kwaad gedaan heb-
ben, zullen verrijzen ter verdoe-
menis. Ik, zeide Jesus, ben de ver-
rijzenis en het leven. Die in Mij
gelooft, zal leven al was hij dood;
en al die leeft en in Mij gelooft,
zal in eeuwigheid niet sterven. Al
wat de Vader Mij geeft, zal tot Mij
komen; en die tot Mij komt, zal Ik
niet verwerpen. Dit is de wil mijus
Vaders, die Mij gezonden heeft:
dat allen die Hem zien en in Hem
gelooven, het eeuwige leven heb-
ben; en Ik zal hen doen verrijzen
in den jongsten dag.
Gebeden na het Evangelie.
Heer Jesus Christus, Koning der
heerlijkheid! verlos alle zielen der
geloovige overledenen van de on-
deraardsche pijnen en den diepen
poel; verlos hen van den muil des
leeuws, opdat de afgrond hen niet
overweldige, en dat zij in de duis-
-ocr page 656-
650             DE H. MISSE
ternis niet nederzinken, maar dat
de teekendrager, deheiligeMichaël,
hen brenge tot uw heilig licht, dat
Gij aan Abraham en zijn kroost be-
loofd hebt. Wij dragen lofoffers en
gebeden op : Heer! neem ze voor
de zielen wier gedachtenis wij
heden houden genadig aan, en
doe hen van den dood tot het
leven overgaan, dat Gij aan Abra-
ham en zijn kroost beloofd hebt.
Offerande der heilige Hostie.
Ontvang, o hemelsche Vader,
almagtige, eeuwige God, deze onbe-
vlekte offerande, die ik, onwaardig
mensch, met den priester en alle
geloovigen, aan U, den levenden
en waarachtigen God, voor al onze
zonden ootmoedig opdraag, alsmede
voor de verlossing der geloovige
zielen, welker gedachtenis wij he-
den houden, en voor allen die ge-
loovig en in Christus gestorven zijn.
-ocr page 657-
VOOR OVERLEDENEN. 651
Offerande des Kelks.
Wij dragen U op, o Heer, den
kelk der zaligheid, en bidden uwe
goedertierenheid, dat hij voor onze
zaligheid en die der geheele we-
reld, met eenen zoeten geur in de
tegenwoordigheid uwer goddelijke
Majesteit opklimme. Amen.
Wij bidden U, o Heer, dat gij de
ziel van uwen dienaar (dienares)
genadig zijt, voor welke wij U het
lofoffer opdragen; uwe Majesteit
ootmoedig biddende, dat zij en
alle geloovigezielen, door deze ver-
zoenende diensten mogen ingaan
tot de eeuwige rust. Door Jesus
Christus, onzen Heer. Amen.
GEBED
voor de geloovige Zielen, op
Allerzielendag.
Zie, bidden wij U, o Heer, op
-ocr page 658-
652              DE H. MISSE
hetgeen wij U tot offer aanbieden,
en U voor de zielen uwer dienaren
en dienaressen opdragen, gunstig
neder; opdat Gij deze, aan welke
de verdiensten van het christelijke
geloof door U zijn toegezegd, ook
de vergelding verleenet. Door Jesus
Christus, onzen Heer. Amen.
Prefatie, gelijk in andere Missen.
Onder den Canon.
Wij keeren ons dan tot uwe barm-
hartigheid, o eeuwige Vader, en tot
de oneindige verdiensten van Jesus
Christus, en bidden U voor de ziel
(zielen) van N.N. en voor alle welke
nog in hunne smarten om de ver-
lossing zuchten. Zij hebben de pij-
nen, welke zij lijden, regtvaardig-
lij k verdiend; doch gedenk, o hemel-
sche Vader, dat Jesus, uw eenige
Zoon, hun liefderijke Verlosser en
middelaar geworden is; dat hij
-ocr page 659-
VOOR OVERLEDENEN. 653
zich zelven om hunnentwil niet
heeft gespaard, maar zijne ziel in
de uiterste droefheid voor hen
geleverd, den bitteren kruisdood
ondergaan, en zijn dierbaar bloed
vergoten heeft. Zijne verdiensten
zijn meer dan overvloedig, om
voor hunne schulden te voldoen,
en U met hen te verzoenen.
Het is dan uw allerliefst en
Zoons bitter lijden, zijn smarte-
lijken dood en voor ons vergoten
dierbaar bloed, hetwelk wij voor
ons en voor de zielen welker ge-
dachtenis wij heden houden, ter
voldoening aan U gaan opofferen;
opdat uwe barmhartigheid ons van
de wel verdiende straffen genadig-
lijk bevrijde, en hen uit dien stren-
gen kerker verlosse.
Als de priester zijne handen over
de offerande houdt.
Heer! wees mij in uwe barmhar-
-ocr page 660-
654             DE H. MISSE
tigheid gedachtig, en mij, arme
zondaar (zondares) genadig! Ik was
den dood schuldig, doch onwaar»
dig om het zoenoffer mijner zonden
te worden; uwe barmhartigheid
heeft die op het Lam Gods willen
leggen, dat alleen waardig was om
U wegens dezelve met ons te verzoe-
nen. Ik offer U dan zijnen dood
op, om van den eeuwigen dood ver-
lost te worden, en met U in den
tijd en in de eeuwigheid te leven.
Onder de Consecratie.
O, dat wij, goddelijke Verlosser,
uwe liefde kenden, en ze door
wederliefde beantwoorden, die U
als een slagtoffer op het altaar des
kruises voor de zaligheid des men-
schen heeft doen sterven! Doe mij
dit steeds gedenken, o Jesus, en
geef dat door de kracht uwer liefde,
mijn hart en mijne ziel geheel ver-
anderd worden, gelijk het brood
-ocr page 661-
VOOR OVERLEDENEN. 655
door de kracht van uw goddelijk
woord.
Onder het opheffen der heilige Hostie.
Ik aanbid U, o Jesus, mensch-
geworden God, die voor ons aan het
kruis gestorven en geofferd zijt, en
nu door dezen priester wederom
wordt opgedragen. Aanzie, o hemel -
sche Vader, uwen eenigen Zoon,
die zich aan uwe Maj esteit opd raagt.
Wij offeren U met den priester oot-
moediglijk op zijn lijden, en al het-
geen hij voor onze zaligheid aan
net kruis ondergaan heeft, om door
zijne waardige dankzegging voor al
uwe weldaden, en door zijne aller-
heiligste gebeden, uwe genade en
al hetgeen ons in leven en sterven
ter zaligheid noodig is, van U te
verwerven.
Onder het opheffen van den Kelk.
Ik aanbid u, o dierbaar Bloed van
-ocr page 662-
656             DE H. MISSE
Jesus, dat als prijs onzer verlossing
voor ons vergoten is. O Jesus die
gelijk Gij waarlijk in den hemel
heerscht op dit altaar tegenwoor-
dig zijt: wees mij en de lijdende
zielen genadig, die met groot ver-
langen naar hunne verlossing zuch-
ten.
Sla, o hemelsche Vader, de oogen
uwer barmhartigheid op deze aan-
biddelijkeofferande, die wij als een
reukoffer aan U opdragen. Het is
de offerande van uwen eenigen
Zoon, in wien Gij uw welbehagen
genomen hebt. Hij offert U niets
vreemds; o neen, het is zijn eigen
Ligchaam en Bloed : een ligchaam
door zoovele slagen mismaakt, met
wonden overdekt, en een bloed
dat voorde zonden der geheele we-
reld vergoten is, en nog voor ons
tot U om genade roept. Ja, het is
uw allerliefste Zoon, die nog met
dezelfde liefde zich aan U opoffert,
-ocr page 663-
VOOR OVERLEDENEN.       657
als toen hij voor ons aan het kruis
gestorven is.
Zoudt Gij dan, o genadige Vader,
deze zoo krachtige stem van het
ligchaam en bloed uws Zoons wel
kunnen verwerpen? O neen, want
deze opent zelfs uw vaderlijk hart,
en doet ons barmhartigheid ver-
werven. In dit vertrouwen smeek
ik U, o eeuwige Vader, door het
dierbare bloed van Jesus Christus
uwen Zoon, dat Gij op ons en de
lijdende zielen met genadige oogen
wiltnederzien, en hen van hunne
smarten verlossen. Zend uwe hei-
lige engelen tot hen af, dat zij
hen opnemen en in het hemelsch
Jeruzalem geleiden, opdat zij, met
al uwe Heiligen, U mogen aan-
bidden, verheerlijken en uwe
barmhartigheid loven, in alle eeu-
wigheid. Amen.
Bid hier met den Priester het Onze
Vader.
42
-ocr page 664-
658             DE H. MISSE
Agnus Dei.
Lam Gods, dat wegneemt de zon-
den der wereld, geef hun de rust.
Lam Gods, dat wegneemt de zon-
den der wereld, geef hun de rust.
Lam Gods, dat wegneemt de zon-
den der wereld, geef hun de eeu-
wige rust.
Voor de Communie.
Allerheiligste! bevrijd mij van
alle zonden en ongeregtigheden.
Verleen genadig dat ik, met U ver-
eenigd, den weg uwer geboden be-
wandele en in het goede volharde.
Ik ben onbereid en onwaardig om
tot uwe heilige tafel te naderen, en
uwheiligLigchaamenBloedteont-
vangen; weshalve ik mij uit eerbied
voor dit Heilige der heiligen er
van onthoude; doch vergun mij
eenig deel dier genade, die ik door
het nuttigen ontvangen zoude, en
-ocr page 665-
VOOR OVERLEDENEN. 659
laat ze mij, door het geloof en de
liefde, geestelijk deelachtig worden
en mijne ziel versterken; en als ik
uwe heilige tafel nadere, o Jesus,
zoo geef dat ik steeds genoegzaam
zuiver zij om U waardig te ontvan-
gen; ten minste zoo waardig als
een boetende zondaar zijn kan.
Ik roep dan van verre tot U :
Heer, ontferm U mijner in uwe
barmhartigheid! wees mij gena-
dig, om uwen heiligen naam!
Gebed dergenen die communiceeren.
Heer Jesus Christus, Zoon van den
levenden God, die naar den wil uws
Vaders, door medewerking des hei-
ligen Geestes, door uwen dood het
leven aan de wereld hebt weder-
gegeven: bevrijd mij, door dit uw
allerheiligste Ligchaam en Bloed,
van al mijne zonden en ongeregtig-
heden. Geef dat ik altijd uwe gebo-
den getrouw blijve, en nooit van U
-ocr page 666-
660              DE H. MISSE
gescheiden worde : laat niet toe
dat het nuttigen van uw ligchaam,
hetwelk ik, onwaardige, voorneem
te ontvangen, mij ten oordeel en
vonnis strekke; maar dat het mij
door uwe genade ter bescherming
van ziel en ligchaam zalig zij. Die
met den Vader en den heiligen
Geest, God zijnde, leeft en heerscht,
in alle eeuwigheid. Amen.
Ikzalhethemelsch brood nemen,
en den naam des Heeren aanroepen.
Domine, non siim dignus.
(zeg driemaal:)
Heer! ik ben niet waardig dat
Gij komt onder mijn dak; doch
spreek slechts één woord, en mijne
ziel zal gezond worden.
Na de Communie.
Heer! dat het eeuwig licht hen
verlichte,omdat Gij barmhartigzijt.
Heer! geef hun de eeuwige rust,
-ocr page 667-
VOOR OVERLEDENEN. 661
en dat het eeuwige licht hen ver-
lichte, met uwe Heiligen, in alle eeu-
wigheid, omdat Gij barmhartig zijt.
Bij eene uitvaart.
Verleen, bidden wij, o almagtige
God, dat de ziel van uwen dienaar
(dienares), die heden uit deze we-
reld verhuisd is, door deze offer-
ande gezuiverd, van alle zonden
ontslagen, uwe goedheid en de
eeuwige rust geniete. Door Chris-
tus, onzen Heer. Amen.
Bij een jaargetijde.
Wij bidden U, o Heer, vergun aan
dezielvan uwen dienaar (dienares),
welker j aarlij ksche gedachtenis wij
heden houden, dat zij door deze
offerande gezuiverd, uwe goedheid
en de eeuwige rust geniete. Door
Christus, onzen Heer. Amen.
Voor alle geloovige zielen.
Wij bidden U, o Heer Jesus, dat
-ocr page 668-
662             DE H. MISSE
onze smeekende gebeden aan de
zielen uwer dienaren en dienaressen
voordeelig mogen zijn; opdat Gij
hen van de gevolgen der zonden ver-
lost , en aan de verdiensten uwer
verlossing deelachtig maakt. Die
met den Vader en den heiligen
Geest, God zijnde, leeft en heerscht,
in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
v. Dat zij rusten in vrede.
e. Amen.
St. Jans Evangelie, zie hierboven
bladz. 61.
In het begin was het woord, enz.
Gebed na de Mis.
Ik dank U, o Heer, voor de ge-
nade welke Gij mij hebt vergund, en
mij hebt toegelaten deze offerande
aan U op te dragen. Vergeef mij al
hetgeen waardoor ik misdaan heb,
en zie met welhehagen op uwen
Eeniggeboren, die hier de offer-
ande zelve is.
-ocr page 669-
VOOR OVERLEDENEN. 663
Verleen eenig deel van zijne
oneindige verdiensten aan de ziel
van N. N. voor welke deze offer-
ande aan U is opgedragen, tot vol-
doening van hare schulden; opdat
zij hierdoor van hare zonden
ontslagen zijnde, (indien haar nog
eenige terughouden) de aangena-
me stem mag hooren, dat zij een
gezegende des Vaders geworden
is, en het erfdeel, dat Gij voor
haar bereid hebt, voor eeuwig be-
zitten mag.
v. Heer! geef haar de eeuwige
rust.
e. En dat het eeuwige licht haar
verlichte.
v. De ziel van N. N. en die van
alle geloovige overledenen, rusten
door de barmhartigheid Gods in
vrede.
e. Amen.
-ocr page 670-
664             DE H. MISSE
De Profundis. Psalm 129.
Uitgebreid en toegepast op de zielen
in het vagevuur.
Het is uit het diepste mijns
harten dat ik tot U roep: Heer,
Heer, verhoor mijn gebed!
Ja, verhoor in uwe goedertie-
renheid mijn gebed, o God, ten be-
hoeve der lijdende zielen in het
vagevuur, die om hunne verlos-
sing zoo zeer door ons tot U zuchten,
en waarvoor ik U uit medelijden
mijn ootmoedig gebed opdraag.
ö God! indien Gij ons al onze
ongeregtigheden toerekent, wie zal
voor de scherpte uwer oordeelen,
in uwe vierschaar kunnen bestaan ?
Doch, omdat erbij Uovervloedige
genade is, troost mij door uwe
barmhartigheid, volgens welke Gij
beloofd hebt te zullen vergeven:
deze doet mij op uwe goedheid
-ocr page 671-
VOOR OVERLEDENEN. 665
vertrouwen en de uitwerking
uwer beloften verwachten; terwijl
ik op de onfeilbaarheid van uw
woord mij vast verlate.
Ja, Heer! mijne ziel verlaat zich
nog altijd op uw woord; zij stelt
al hare hoop op U, en draagt U in
vertrouwen hare gebeden op; daar
zij vast gelooft, dat Gij, volgens
het woord uwer belofte, haar dit
verzoek niet weigeren zult.
Hoop dan met mij, ellendig Is-
raël! hoopt met mij, ellendige zielen
die in het vagevuur zijt! ja hoopt
van den morgenstond tot den avond
toe, en vestigt uwe hoop op het
bloed van (Jesus) den beloofden Mes-
sias, dat nog voor uwe verlossing
wordt opgeofferd; want God, die
wel regtvaardig is, is ook barmhar-
tig; hij is groot in genade en barm-
hartigheid, en de prijs der verlos-
sing, die voor u betaald is, is over-
vloedig; want een enkele druppel
-ocr page 672-
666         LITANIE VOOE DE
bloed is meer dan genoeg, om u
uit dien brand te verlossen.
Ja, hij die oneindig barmhartig
is en alles vermag, zal u al uwe
ongeregtigheden vergeven, en uit
dien vurigen kerker verlossen.
Verleen hun dan, o God, verleen
hun de eeuwige rust, en laat het
zaligmakende licht hen eeuwiglijk
verlichten. Door Christus, onzen
Heer. Amen.
LITANIE VOOR DE
1195
GELOOYIGE ZIELEN E HET VAGEVUUR.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontferm
U over alle geloovige zielen.
God Zoon, Verlosser der wereld,
-ocr page 673-
GELOOVIGE ZIELEN. 667
ontferm U over alle geloovige
zielen.
God, heilige Geest, ontfermU over
alle geloovige zielen.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontf. U over alle geloovige zielen.
Heilige Maria, bid voor hen.
Heilige Moeder Gods,
Heilige Maagd der maagden,
Alle heilige Engelen,
AlleH. Oudvaders en Profeten,
Alle heilige Apostelen en Evan-
gelisten,
Alle heilige Martelaren,
          w
Alle heilige Bisschoppen, g;
Alle heilige Leeraren,
            <
AlleheiligePriestersenLeviten, ©
AllejH.MonnikenenKluizenaars, **
Alle H. Maagden en Weduwen, §
Alle Gods lieve Heiligen,
Wees genadig, spaar hen, Heer.
Wees genadig, verhoor hen, Heer.
Van de schrikkelijke vlammen,
verlos hen, Heer.
-ocr page 674-
668         LITANIE VOOR DE
Van de vervaarlijke duisternis, ver-
los hen, Heer.
Van alle pijnen, die zij door de
dagelij ksche zonden hebben
verdiend,
Van al hetgeen zij moeten lijden
voor de doodzonden, voor
welke zij nog niet ten volle
hebben voldaan,
Van alle straffen wegens hunne <
traagheidenonachtzaamheid, ü.
Van het droevige geween over »
het verzuimen der gelegenhe- g*
den, die zij gehad hebben om &
in de deugd voort te gaan, ^
Van het misbaar dat zij maken, $
omdat zij hunnen tijd en wer- F
ken anders hebben besteed,
als tot uwen dienst en roem,
Van het bittere geschrei over
het verzuim des gebeds en
andere deugden,
Van de kastijding, die zij om
hunne ongehoorzaamheid en
-ocr page 675-
GELOOVIGE ZIELEN.        669
geringen eerbied voor hunne
oversten moeten lijden, verlos
hen, Heer.
Van hun beklag over de kleine
zorg voor hunne kinderen en
onderdanen,
Van al hetgeen zij wegens onma- <<
tigheid en ijdele voldoening g,
moeten lijden,
                     §f
Van de pijnen, die zij om afge- &
keerdheid,stuursche woorden g
en geschillen moeten lijden, "
Van de ellenden, in welke zij §?
door ongeduldigheid en kor- %
zelheid zijn gevallen,
Van de pijnen, die zij door te
veel of onbehoorlijk spreken
hebben verdiend,
Van het lijden, dat zij om hunne
kwade gedachten en inwen-
dige zonden onderstaan,
Wij zondaren, wij bidden U, ver-
hoor ons.
Dat wij, door barmhartig te zijn,
-ocr page 676-
670         LITANIE VOOR DE
voor hun barmhartigheid mogen
verkrijgen, wij bidden U, ver-
hoor ons.
Dat wij, door onze ootmoedig-
heid, voor hunne hoovaardig-
heid kwijtschelding mogen
verwerven,
Dat wij, met ons te versterven, ^
voor hunne zinnelijkhedeneS:
mogen voldoen,
                    gt
Dat wij, door onze geduldigheid, £
vergiffenis voor hunne onge- 3
duldigheid mogen bekomen, cj
Dat Gij, om onze zachtmoedig" ~
heid, aan hun de zonden van g§
haat, nijd en gramschap wilt g*
vergeven,
                             
Dat wij, door ijverig te bidden, o
voor hunne traagheid in het S
gebed U mogen verzoenen,
Dat wij door het oefenen van
alle deugden, voor hen ver-
giffenis van al hunne mis-
slagen mogen verkrijgen,
-ocr page 677-
GELOOVIGE ZIELEN.         671
Dat Gij de zielen van onze ouders,
vrienden en weldoeners, die in
den Heer gestorven zijn, van de
pijnen des vagevuurs wilt verlos-
sen, wij bidden U, verhoor ons.
Dat Gij alle geloovige zielen de
eeuwige rust wilt doen genieten,
wij bidden U, verhoor ons.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar hen, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, verhoor hen, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U hunner,
Heer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Onze Vader, enz.
GEBED
voor onze afgestorvene vrienden en
weldoeners.
ö God, wiens barmhartigheden
-ocr page 678-
672                 GETIJDEN
zonder getal zijn, en wiens goed-
heicl zonder einde is : wij bidden
U, geef aan de zielen van onzen
vader, onze moeder, zusters en
broeders, vergiffenis van al hunne
zonden; opdat zij, van alle straf-
fen en schuld ontbonden zijnde,
uw aanschijn mogen aanschouwen
in eeuwigheid. Door Christus, on-
zen Heer. Amen.
▼IHLI1I 01 UfllSII
VOOE OVERLEDENEN.
Deze getijden worden geheel geleeen, dat
is, met drie
Noctumen of negen Psalmen en
negen
Lessen, op Allerzielendag, op iemands
sterfdag, of jaargetijde. Men verdubbelt als-
dan de
Antiphonen, dat is, men leest ze
geheel uit, voor en achter elke
Psalm. Dan
wordt er ook een bijzonder gebed gelezen,
toepasselijk op den persoon of de personen, voor
wien men deze getijden leest.
-
-ocr page 679-
VOOR OVERLEDENEN. 673
TE VESPEREN.
Psalm 114.
Antiph. Ik zal den Heere behagen.
Ik heb bemind; want de Heer zal
de stem mijns gebeds verhooren.
Want hij heeft zijne ooren naar
mij geneigd: en in mijne dagen zal
ik hem aanroepen.
De pijnen des doods hebben mij
omvangen : en de gevaren der hel
hebben mij gevonden.
Verdrukking en pijn heb ik ge-
vonden : en den naam des Heeren
heb ik aangeroepen.
ö Heer! verlos mijne ziel: barm-
hartig is de Heer en regtvaardig,
en onze God doet barmhartigheid.
De Heer is de kleinen bewaren-
de : ik ben verootmoedigd geweest,
hij heeft mij verlost.
Keer wederom, mijne ziel, in
uwe rust: want de Heer heeft u
wel gedaan.
43
-ocr page 680-
674                GETIJDEN
Want hij heeft mijne ziel van
den dood, mijne oogen van tranen,
mijne voeten van den val verlost.
Ik zal den Heer behagen in het
land der levenden.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte hen.
Antipk. Ik zal den Heere beha-
gen in het land der levenden.
Psalm 119.
Antiph. Wee mij.
Tot den Heer heb ik geroepen,
als ik verdrukt werd: en hij heeft
mij verhoord.
Heer! verlos mijne ziel van de
booze lippen, en van de bedriege-
lijke tongen.
Wat mogt men u geven, en wat
mogt men u toeleggen tot de be-
driegelijke tongen.
Scherpe pijlen van den magtige,
en verdervende kolen.
Wee mij! want mijne balling-
-ocr page 681-
VOOR OVERLEDENEN. 675
schap is verlengd: ik heb gewoond
met de bewoners van Cedar: zeer
lang is mijne ziel eene vreemde-
linge geweest.
Met diegenen die den vrede na-
ten, was ik vreedzaam : als ik hun
toesprak, stonden zij tegen mij op
zonder oorzaak.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
Enheteeuwige licht verlichte hen.
Antiph. Wee mij! want mijne
ballingschap is verlengd.
Psalm 120.
Antiph. De Heer beware u.
Ik heb mijne oogen opgeheven
tot de bergen, van waar mijne
hulp komen zal.
Mijne hulp is van den Heer, die
hemel en aarde gemaakt heeft.
Hij laat uwen voet niet uitglij den:
en hij slaapt niet die u bewaart.
Zie, hij zal niet sluimeren, noch
slapen, die Israël bewaart.
-ocr page 682-
676                GETIJDEN
De Heer beware u : de Heer is
uwe bescherming aan uwe regter-
hand.
Gedurende den dag zal u de zon
niet branden, noch de maan des
nachts.
De Heer beware u van alle
kwaad : de Heer beware uwe ziel.
De Heer beware uwen ingang
en uwen uitgang: van nu af tot
in eeuwigheid.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
Enheteeuwigelichtverlichtehen.
Antiph. De Heer beware u van alle
kwaad: de Heer beware uwe ziel.
Psalm 129.
Ara. Indien Gij de boosheden, enz.
Uit de diepte heb ik geroepen tot
U: Heer, Heer! verhoor mijne stem.
Laat uwe ooren luisteren naar
de stem mijns biddens.
Indien Gij de boosheden gadeslaat,
Heer, Heer! wie zal dan bestaan?
-ocr page 683-
VOOR OVERLEDENEN. 677
Want bij U is verzoening: en
om uwe wet, Heer, heb ik U ge-
hoorzaamd.
Mijne ziel heeft vertrouwd op
zijn woord: mijne ziel heeft ge-
hoopt in den Heer.
Van den morgenstond tot den
nacht toe, zal Israël in den Heer
hopen.
Want bij den Heer is barmhar-
tigheid: en bij hem is overvloedige
verlossing.
En hij zal Israël verlossen van al
zijne boosheden.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte
hen.
Antiph. Indien Gij de boosheden
gadeslaat, Heer, wie zal dan be-
staan?
Psalm 137.
Antiph. De werken uwer handen.
Ik zal U belijden uit ganseher
-ocr page 684-
678                GETIJDEN
harte; omdat Gij de woorden mijns
monds gehoord hebt.
In het aanschouwen der engelen
zal ik uwen lof zingen : ik zal U
aanbidden in uwen heiligen tem-
pel, en uwen naam belijden.
Over uwe barmhartigheid en
waarheid: want Gij hebt uwen hei-
ligen naam boven al groot gemaakt.
Wanneer ik U zal aanroepen,
verhoor mij: Gij zult de kracht in
mijne ziel vermenigvuldigen.
U moeten belijden, Heer, alle
koningen der aarde: want zij heb-
ben allen de woorden uws monds
gehoord.
En laat hen zingen in des Hee-
ren wegen: want groot is de roem
des Heeren.
Want de Heer is hoog, en hij
aanziet de nederigen, en de hoo-
gen kent hij van verre.
Is het dat ik wandele in het mid-
den der verdrukkingen, zoo zult Gij
-ocr page 685-
VOOE OVERLEDENEN.        679
mij levendig maken : en over de
gramschap mijner vijanden hebt
Gij uwe hand uitgestoken, en uwe
regterhand heeft mij zalig gemaakt.
De Heer zal voor mij betalen :
Heer! uwe barmhartigheid is in
eeuwigheid. Wil de werken uwer
handen niet versmaden.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte hen.
Antiph. De werken uwer handen
wil die, o Heer, niet versmaden.
v. Ik heb gehoord eene stem
uit den hemel, tot mij zeggende :
r. Zalig zijn de dooden, die in
den Heere sterven.
De Lofzang van Maria. Luc. I.
Antiph. Al wat mij de Vader geeft.
Mijne ziel maakt groot den Heer.
En mijn geest heeft zich ver-
heugd in God, mijnen Zaligmaker.
Want hij heeftop de ootmoedigheid
zijner dienstmaagd nedergezien;
-ocr page 686-
680                GETIJDEN
want ziet, van dezen tijd af zullen
alle geslachten mij zalig noemen.
Want hij heeft mij groote din-
gen gedaan, die magtig is : en
heilig is zijn naam.
En zijne barmhartigheid is van
geslachte tot geslacht: voor de-
genen die hem vreezen.
Hij heeft kracht gedaan door
zijnen arm : hij heeft de hoovaar-
digen verstrooid met den zin huns
harten.
Hij heeft de magtigen afgezet uit
den stoel : en hij heeft de oot-
moedigen verheven.
De hongerigen heeft hij met
goederen vervuld, en de rijken
heeft hij ijdel gelaten.
Hij heeft Israël, zijn kind, ont-
vangen : gedachtig zijnde zijner
barmhartigheid.
Gelijk hij gesproken heeft tot
onze vaders : tot Abraham en zijn
zaad in eeuwigheid.
-ocr page 687-
VOOR OVERLEDENEN".        681
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte hen.
Antiph. Al wat mij de Vader
geeft, komt tot Mij: en wat tot Mij
komt, zal Ik niet verwerpen.
Onze Vader, enz. knielende, ge-
lijk ook de volgende Psalmen en Ver-
zen.
Als men de Vigilien met drie Noc-
turnen bidt, dan leest men niet den
navolgenden Psalm :
mijne ziel looft
den Heer, enz.
maar wel de Verzen,
Responsorien en het bijzonder Gebed,
dat daarop volgt.
Psalm 145.
Mijne ziel looft den Heer; ik
zal den Heer loven in mijn leven :
ik zal den Heer lofzingen, zoo lang
ik wezen zal.
Wil niet vertrouwen op de vor-
sten; op de kinderen dermenschen,
waar geene zaligheid in is.
Zijn geest zal uitgaan en zal
-ocr page 688-
682                GETIJDEN
wederkeeren in zijn land; in dien
dag zullen alle hunne gedachten
vergaan.
Zalig is hij, wiens helper is de
God van Jacob, wiens hoop is in
den Heer zijn God; die gemaakt
heeft hemel en aarde, de zee en al
wat daar in is.
Die de waarheid bewaart in
eeuwigheid; die degenen, welke
onregt lijden, regt doet; die de
hongerigen spijze geeft.
De Heer ontbindt de gebonde-
nen; de Heer verlicht de blinden.
De Heer rigt op die nederge-
stooten zijn; de Heer bemint de
regtvaardigen.
De Heer bewaart de vreemdelin-
gen; de weezen en weduwen zal
hij ontvangen; en de wegen der
zondaren zal hij vernielen.
De Heer zal heersenen in eeu-
wigheid; uw God, o Sion, zal heer-
schen van geslacht tot geslacht.
-ocr page 689-
VOOR OVERLEDENEN.       683
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwiglicht verlicht e hen
v. Van de poorten der hel.
r. Verlos, Heer, hunne zielen,
v. Dat zij rusten in vrede.
r. Amen.
v. Heer! verhoor mijn gebed.
r. En dat mijn geroep kome tot U.
ALGEMEENE GEBEDEN.
Voor afgestorvene bisschoppen en
priesters.
ö God, die onder de apostolische
priesters, uwe dienaars met de bis-
schoppelijke waardigheid hebt be-
kleed : wij bidden U, verleen hun
in de hemelsche vreugd, eeuwig met
uw gezelschap vereenigd te zijn.
Voor afgestorvene broeders, vrienden
en weldoeners.
ö God, uitdeeler der genade, en
liefhebber der menschen zaligheid!
-ocr page 690-
684                GETIJDEN
wij bidden uwe goedertierenheid ,
wil de broeders, vrienden en wei-
doeners onzer vergadering, die uit
deze wereld gescheiden zijn, door
de voorspraak van de heilige maagd
Maria en van alle Heiligen, de ge-
meenschap der eeuwige zaligheid
verleenen. Amen.
Voor alle geloovige Zielen.
o God, Schepper en Verlosser
aller geloovigen! verleen de zielen
uwer "dienaren en dienaressen ver-
giffenis van al hunne zonden, op-
dat zij de genadige kwijtschelding,
die zij altijd gewenscht hebben,
door onze ootmoedige gebeden
mogen verkrijgen; die leeft en
heerscht, in alle eeuwen. Amen.
v. Heer! geef hun de eeuwige rust.
e. En het eeuwige licht verlichte
hen.
v. Dat zij rusten in vrede.
e. Amen.
-ocr page 691-
VOOE OVERLEDENEN. 685
Andere bijzondere gebeden voor de
overledenen: zie achter de Lauden.
TE METTEN.
Het volgende Invitatorium (dat is de Anti-
phone en de Psalm die hierna onmiddelijk
volgtJ leest men alleenlijk op Aller zielendag,
en zoo dikwijls als men drie
Nocturnen leest;
anders gaat men dat voorbij, en men begint
dan de
Antiphone en Psalm , die op dien dag
vervallen op deze manier:
\'s maandags en
donderdags de eerste Nocturne, dingsdags en
vrijdags te tweede Nocturne, en woensdags
en zaturdags de derde Nocturne.
Invitatorium. De Koning, in wien
alle dingen leven; komt, laat ons
Hem aanbidden.
Psalm 94.
Komt, laten wij ons in den Heer
verheugen; laat ons met vrolijk-
heid zingen God, onzen zaligmaker;
laat ons voor zijn aanschijn ko-
men in belijdenis, en met psalmen
laat ons hem toejuichen.
-ocr page 692-
686                GETIJDEN
DeKoning, in wien alle dingenle-
ven; komt, laat ons Hem aanbidden.
Want God is een groote Heer en
een groote Koning boven alle goden;
de Heer zal zijn volk niet verstoo-
ten; want in zijne hand zijn al de
einden der aarde, en de hoogten
der bergen aanschouwt hij.
Komt, laat ons Hem aanbidden.
Want de zee is aan Hem, en hij
heeft die gemaakt, en zijne handen
hebben de aarde geschapen: komt,
laat ons Hem aanbidden en neder-
vallen voorGod: laat ons weenen
voor den Heer, die ons geschapen
heeft; want hij is de Heer, onze
God, en wij zijn volk en de schapen
zijner weide.
De koning, in wien alle dingen le-
ven;komt, laat ons Hem aanbidden.
Indien gij heden zijne stem hoort,
zoo wilt uwe harten niet verharden,
gelijk het geschiedde in de krijting
en oproering des volks, ten dage der
-ocr page 693-
VOOE OVERLEDENEN. 687
terging in de woestijn, waar uwe
vaders mij getergd,en mijne werken
beproefd en gezien hebben.
Komt, laat ons Hem aanbidden.
Veertig jaren heb ik dezen ge-
sla chte zeer nabij geweest, en ik heb
gezegd: deze dwalen altijd van har-
te, en deze hebben mijne wegen
niet gekend; gelijk ik gezworen heb
in mijne gramschap, is het dat zij
gaan zullen in mijne rust.
De Koning, in wien alle dingen
leven.
Komt, laat ons Hem aanbidden.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte
hen.
Komt, laat ons Hem aanbidden.
De Koning, in wien alle dingen
leven.
Komt, laat ons Hem aanbidden.
-ocr page 694-
688                GETIJDEN
DE EERSTE NOCTURNE.
voor \'s maandags en donderdags.
Psalm 5.
Aatiph. Beschik.
Vat mijne woorden, Heer, met
uwe ooren : versta mijn geroep.
Luister naar de stem mijns ge-
beds: mijn Koning, en mijn God.
Want tot U zal ik bidden : Heer,
des morgens vroeg zult Gij mijne
stem verhooren.
Des morgens vroeg zal ik bij U
staan, en zien: want Gij zijt geen
God die boosheid wilt.
En bij U zal dekwaadwillige niet
wonen: en de onregtvaardigen zul-
len voor uwe oogen niet blijven.
Gij haat allen die boosheid doen:
Gij zult allen die onwaarheid spre-
ken vernielen.
Denbloedgierigenenbedriegelij-
ken man, zal de Heer verfoeijen :
-ocr page 695-
VOOR OVERLEDENEN. 689
maar door de menigvuldigheid
uwer barmhartigheid.
Zoo zal ik ingaan in uw huis:
ik zal U aanbidden in uwen hei-
ligen tempel, in uwe vreeze.
lieer! leid mij in uwe regtvaar-
digheid, om mijner vijanden wil;
beschik in uw aanschouwen mijnen
weg.
Want in hunnen mond is de
wijsheid niet; hun hart is ijdel.
Een open graf is hunne keel;
met hunne tongen deden zij be-
driegelijk : oordeel hen, o God!
Dat zij afvallen van hunne ge-
dachten; naar de menigte hunner
boosheden, drijf ze uit: want zij
hebben U getergd, o Heer!
En dat zij blijde zijn, allen die
in U hopen : in eeuwigheid zullen
zij zich verheugen, en Gij zult in
hen wonen.
En zij zullen in U verblijd zijn,
allen die uwen naam liefhebben:
44
-ocr page 696-
690                GETIJDEN
want Gij zult den regtvaardige ze-
genen.
Heer! als met een schild van
uwen goeden wil hebt Gij ons
gekroond.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
Enheteeuwigelichtverlichtehen.
Antiph. Beschik, o Heer, mij n God,
in uw aanschouwen mijnen weg.
Psalm 6.
Antiph. Word omgekeerd, Heer!
Heer! straf mij niet in uwe ver-
bolgenheid; en in uwe gramschap,
kastijd mij niet.
Ontferm U mijner, Heer, want
ik ben krank : genees mij, Heer,
want al mijne beenderen zijn ge-
heel ontsteld.
En mijne ziel is zeer ontroerd :
maar Gij, Heer, hoe lang?
Word omgekeerd, Heer, en ver-
los mijne ziel; maak mij zalig, om
uwe barmhartigheid.
-ocr page 697-
VOOE OVERLEDENEN. 691
Want er is niemand in den
dood, die uwer gedachtig is, en
die U in de hel zal belijden.
Ik heb gearbeid in mijne ver-
zuchting; ik zal alle nachten mijn
bed wasschen: met mijne tranen
zal ik mijne rustplaats begieten.
Mijn oog is van de verbolgenheid
ontroerd: ik ben verouderd onder
al mijne vijanden.
Gaat weg van mij, gij allen die
boosheid bedrijft: want de Heer
heeft de stem mijns weenens ver-
hoord; de Heer heeft mijn ootmoe-
dig bidden verhoord; de Heer heeft
mijn gebed ontvangen.
Laat beschaamd en zeer ontsteld
worden al mijne vijanden: dat zij
bekeerd worden, en zeer haastig-
lijk zich schamen.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte hen.
Antiph. Word omgekeerd, Heer,
en verlos mijne ziel; want er isnie-
-ocr page 698-
692                GETIJDEN
mand in den dood, die uwer ge-
dachtig is.
Psalm 7.
Antiph. Opdat hij niet grijpe.
Heer, mijn God! in U heb ik
gehoopt; help mij tegen allen die
mij vervolgen, en verlos mij.
Opdat hij mijne ziel niet grijpe
als een leeuw; als er niemand is
die haar verlost of zalig maakt.
Heer, mijn God! heb ik dit ge-
daan, of is er boosheid in mijne
handen?
Heb ik met kwaad geloond, die
mij met kwaad betaalden; zoo moet
ik teregt ijdel afvallen van mijne
vijanden.
Zoo moet de vijand mijne ziel
vervolgen en grijpen, mijn le-
ven in de aarde vertreden, en mijne
eer tot stof brengen.
Sta op, Heer, in uwe gramschap:
-ocr page 699-
VOOR OVERLEDENEN. 693
en word verheven in de palen van
mijne ~»ijlden.
En sta op, Heer, mijn God! in
het gebod dat Gij bevolen hebt:
en de vergaderingen der volkeren
zullen U omringen.
En om hen, keer wederom in het
hooge; de Heer oordeelt de volken.
Oordeel niet, Heer, naar mijne
regtvaardigheid en onnoozelheid
over mij.
De arbeid der zondaren zal ver-
nield worden, en Gij zult den regt-
vaardige besturen: Gij, o God, die
onderzoekende zijt de harten en
nieren.
Mijne regtvaardige hulp is in
den Heer: die zalig maakt den
opregten van harte.
God is een regtvaardige regter,
sterk en lijdzaam: meent gij dat
hij alle dagen vergramd is?
Tenzij gij niet bekeerd wordt,
zal hij zijn zwaard opheffen om te
-ocr page 700-
694                GETIJDEN
slaan; zijn boog heeft hij ge-
spannen en dien bereid.
En zoo heeft hij vaten des doods
bereid: zijne pijlen heeft hij bran-
dende gemaakt
Zie, hij heeft voorgenomen onregt
te doen : met pijn is hij zwanger,
en boosheid heeft hij gebaard.
Een put heeft hij open ge-
daan en dien ontgraven; en hij
is in de gracht gevallen, die hij
zelve heeft gemaakt.
Zijne smart zal op zijn hoofd we-
derkeeren: en op den top van zijn
hoofd zal zijne boosheid nederdalen.
Ik zal den Heer belijden naar
zijne geregtigheid: en ik zal des
allerhoogsten Heeren lof zingen.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
Enheteeuwigelichtverlichtehen.
Antiph. Opdat hij mijne ziel niet
grijpe als een leeuw; als er niemand
is die haar verlost of zalig maakt.
v. Van de poorten der hel.
-ocr page 701-
VOOR OVERLEDENEN. 695
e. Verlos, Heer, hunne zielen.
Onze Vader, enz. In stilte.
De eerste Les. Job. 7.
Spaar mij, Heer , want mijne
dagen zijn niets. Wat is de mensen,
dat Gij hem groot maakt, of waar-
toe neigt Gij uw hart tot hem? Gij
bezoekt hem des morgens vroeg,
en haastiglijk beproeft Gij hem.
Hoe lang zult Gij mij niet sparen,
noch mij niet toelaten, dat ik
mijn speeksel zwelge?
Ik heb gezondigd: wat zal ik IJ
doen, o bewaarder der menschen ?
waarom hebt Gij mij tegen II gesteld?
en ben ik mij zelven tot last ge-
worden ? Waarom neemt Gij mijne
zonden niet af, en waarom doet Gij
mijne boosheid niet weg? Zie, ik
zal nu in het stof der aarde slapen;
en indien Gij mij \'s morgens vroeg
zoekt, zoo zal ik niet wezen.
v. Ik geloof, dat mijn Verlosser
-ocr page 702-
696                GETIJDEN
leeft, en in den laatsten dag zal ik •
uit cle aarde verrijzen. En in mijn
vleesch zal ik God, mijnen Zalig-
maker, zien.
r. Dien ik zelf zien zal, en geen
ander: en mijne oogen zullen hem
aanschouwen.
En in mijn vleesch zal ik God,
mijnen Zaligmaker, zien.
De tweede Les. Job. 10.
Mijn leven valt mijne ziel verdrie-
tig: ik zal mijne spraak tegeu mij
laten gaan; ik zal spreken in de
bitterheid mijner ziel, en tot God
zeggen : wil mij niet verdoemen;
geef mij te kennen, waarom Gij mij
aldus oordeelt. Dunkt het Ugoed te
wezen, dat men mij te onregt ver-
volgt en mij verdrukt, het werk
uwer handen, en dat dij den raad der
ongodvruchtigen helpt? Hebt Gij
vleeschelijke oogen, of zult Gij zien
gelijk een menschziet ? Zijn uwe
-ocr page 703-
VOOE OVEELEDENEN.        697
dagenookgelijk\'smenschendagen,
en uwe jaren gelijk der menschen
tijden, dat Gij mijne boosheid zoekt
en mijne regtvaardigheid onder-
zoekt ? En daar Gij weet, dat ik
niets ongoddelijks gedaan heb. be-
merk dat er niemand is, die mij
uit uwe handen kan verlossen.
v. Die Lazarus uit het graf ver-
wekt hebt: Gij, Heer , geef hun
rust en eene plaats van genade.
e. Die zult komen oordeelen
levenden en dooden, en de wereld
door het vuur.
Gij, Heer, geef hun rust en
eene plaats van genade.
De derde Les. Job. 10.
Uwe handen, Heer, hebben mij
gemaakt en mij rondom geheel be-
arbeid; en werpt Gij mij zoo onvoor-
zienelijkvan boven neder? Gedenk
(bidik,) dat Gij mij gemaakt hebt
gelijk slijk, en tot stof zult Gij mij
-ocr page 704-
698                GETIJDEN
wederom brengen. En hebt Gij mij
niet als melk gemolken en als
een kaas geronnen? Met vel en
vleesch hebt Gij mij bekleed, met
beenderen en zenuwen hebt Gij
mij te zamen gevoegd. Het leven
en de barmhartigheid hebt Gij mij
gegeven, en uwe bezoeking heeft
mijnen geest bewaard.
v. Heer! als Gij zult komen oor-
deelen het aardrijk, waar zal ik
mij verbergen voor het aanschijn
uwer gramschap? Want ik heb
zeer gezondigd in mijn leven.
e. Ik vrees mijne misdaden, en
schaam mij voor U; als Gij zult komen
oordeelen, wil mij niet verdoemen.
Want ik heb zeer gezondigd in
mijn leven.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte
hen.
Want ik heb zeer gezondigd in
mijn leven.
-ocr page 705-
VOOE OVEBLEDENEN. 699
Als men maar ééne Nocturne leest,
zoo gaat men voort tot de Lauden.
DE TWEEDE NOCTURNE.
Voor dingsdags en vrijdags.
Psalm 22.
Antiph. In de plaats der weide.
De Heer bestuurt mij, en mij
zal niets ontbreken.
In de plaats der weide, daar
heeft hij mij gesteld.
Op de wateren der vermaking
heeft hij mij opgevoed; mijne ziel
heeft hij bekeerd.
Hij heeft mij geleid op de paden
der regtvaardigheid: om zijnen
naam.
Want al wandelde ik in het
midden van de schaduwen des
doods, zoo zal ik geen kwaad
vreezen; want Gij zijt met mij.
Uwe roede en uwen stok, die
hebben mij getroost.
-ocr page 706-
700                GETIJDEN
Gij hebt in mijn aanschouwen
eene tafel bereid, tegen die mij
kwellen.
Gij hebt mijn hoofd vet ge-
maakt met olie; en hoe kostelijk
is uwe dronkenmakende kelk.
En uwe barmhartigheid zal mij
navolgen, al de dagen mijns levens.
Opdat ik wonen moge in het
huis des Heeren; tot de langheid
der dagen.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
r. En het eeuwige licht verlichte
hen.
Antiph. In de plaats der weide
heeft hij mij gesteld.
Psalm 24.
Antiph. De misdaden.
Tot U, Heer, heb ik mijne ziel
opgeheven; mijn God! in U heb
ik vertrouwen, en ik zal niet be-
schaamd worden.
Noch laat mijne vijanden mij niet
-ocr page 707-
VOOR OVEELEDENEN. 701
bespotten: want allen die U verbei-
den , zullen niet beschaamd worden.
Dat zij beschaamd worden, allen
die onregtvaardigheden doen te
vergeefs.
Toon mij, Heer, uwe wegen,
en leer mij uwe paden.
Beschik mij in uwe waarheid,
en leer mij; want Gij zijt mijn
God, mijn Zaligmaker: in U heb
ik verbeid den geheelen dag.
Wees gedachtig, Heer, uwer ge-
nade en barmhartigheid , die van
het begin der wereld zijn.
De misdaden mijner jeugd, en
mijner onwetendheden, wil die
niet gedenken.
Naar uwe barmhartigheid, wees
mijner gedachtig : om uwe goed-
heid, Heer!
Zoet en regt is de Heer; daarom
zal hij eene wet geven dengenen,
die in den weg misdoen.
Hij zal de zachtmoedigen be-
-ocr page 708-
702               GETIJDEN
schikken in het oordeel: hij zal de
goedertierenen zijne wegen leeren.
Al de wegen des Heeren zijn
barmhartigheid en waarheid: aan
die zijn verbond en zijne getui-
genissen zoeken.
Om uwen naam, Heer, zult Gij
mijner zonden genadig wezen :
want die zijn menigvuldig.
Wie is de mensch, die den Heer
vreest: eene wet heeft hij hem
gesteld in den weg, dien hij ge-
kozen heeft.
Zijnezielzal ingoede dingen wo-
nen: en zijn zaad zal de aarde erven.
De Heer is eene vastigheid der-
genen die hem vreezen : en zijn
verbond is, om het hun te laten
weten.
Mijne oogen zijn altijd tot den
Heer: want hij zal mijne voeten
uit den strik trekken.
Zie op mij, en ontferm U mijner:
want ik ben eenzaam en arm.
-ocr page 709-
VOOR OVERLEDENEN. 703
De benaauwdheden mijns harten
zijn vermenigvuldigd : van mijne
nooden verlos mij.
Aanzie mijne ellende en mijnen
arbeid : en vergeef mij al mijne
misdaden.
Aanzie mijne vijanden, want zij
zijn vermenigvuldigd; en meteenen
ongeregtigen haat haten zij mij.
Bewaar mijne ziel, en verlos
mij: ik zal niet beschaamd zijn,
want ik heb in U gehoopt.
De onnoozelen en geregtigden
hebben mij aangehangen : omdat
ik in U gehoopt heb.
O God! verlos Israël uit al zijne
verdrukkingen.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte
hen.
Antiph. Heer! wil de misdaden
mijner jeugd en mijner onweten-
heden niet gedenken.
-ocr page 710-
704               GETIJDEN
Psalm 26.
Antiph. Ik geloof te zien.
De Heer is mijn licht en mijne
zaligheid : wien zal ik vreezen ?
De Heer is de beschermer mijns
levens : voor wien zal ik beven ?
Als de kwaaddoeners bij mij
komen : om mijn vleesch te eten.
Die mij kwellen, mijne vijanden:
zij zijnkrankgeworden engevallen.
Is het dat er krijgsheeren tegen
mij staan : zoo zal mijn hart niet
vreezen.
Is het dat er een strijd tegen mij
opstaat: daarin zal ik hopen.
Een ding heb ik van den Heer
begeerd, dit zal ik verzoeken : dat
ik mag wonen in het huis des
Heeren, al de dagen mijns levens.
Opdat ik zien mag al de wellus-
ten des Heeren, en bezoeken zij-
nen tempel.
Want hij heeft mij verborgen in
-ocr page 711-
VOOE OVEELEDENEN. 705
zijnen tabernakel: in den kwaden
dag heeft hij mij beschermd in het
verborgenste zijner woonstede.
Op eenen steen heeft hij mij ver-
heven : en nu heeft hij mijn hoofd
verheven boven mijne vijanden.
Ik ben omgegaan, en heb geof-
ferd in zijnen tabernakel: eene of-
ferande des roependen: ik zal zin-
gen en den Heer met zangen ver-
eeren.
Verhoor, Heer, mijne stem, waar-
mede ik tot U geroepen heb: ont-
ferm U mijner, en verhoor mij.
Tot U heeft mijn hart gezegd :
mijn aangezigt heeft U gezocht; uw
aangezigt, Heer, zal ik zoeken.
Wil uw aangezigt van mij niet af-
keeren: en wijk niet weg in uwe
gramschap van uwen dienaar.
Wees mijn helper: wil mij niet
verlaten, noch versmaad mij niet,
God mijn Zaligmaker.
Want mijn vader en mijne moeder
45
-ocr page 712-
706                GETIJDEN
hebben mij verlaten: maar de Heer
heeft mij opgenomen.
Stel mij eenewet, Heer, in uwen
weg: en beschik mij in het regte
voetpad, om mijne vijanden.
Lever mij niet in de handen
dergenen die mij kwellen; want
tegen mij zijn booze getuigen op-
gestaan, en de boosheid heeft tegen
zich zelve gelogen.
Ik geloofde goederen des Heeren
te zien, in het land der levenden.
Verwacht den Heer, en doe
mannelijk: en uw hart worde ver-
sterkt, en verbeide den Heer.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwigelicht verlichte hen.
Antiph. Ik geloof de goederen des
Heeren te zien, in het land der
levenden.
v. De Heer stelle hen met de
vorsten.
e. Met de vorsten zijns volks.
Onze Vader, enz. In stilte.
-ocr page 713-
VOOR OVERLEDENEN.        707
De vierde Les. Job. 13.
Antwoord mij, hoe groote boos-
heden en zonden heb ik? Toon mij
mijne misdaden en overtredingen.
Waarom verbergt Gij uwaangezigt,
en meent Gij dat ik uw vijand ben ?
Tegen een blad, dat door den wind
opgenomen wordt, toont Gij uwe
magt: een dorre stoppel vervolgt Gij,
want Gij schrijft tegen mij bitterhe-
den. Gij wilt mij vernielen om de zon-
den mijner jeugd. Gij hebt mijnen
voet in den veterstok gesteld, en
al mijne wegen gadegeslagen,
en de stappen mijner voeten hebt
Gij bemerkt. Die als verrotheid ver-
teerd zal worden, gelijk een kleed
dat van de motten gegeten wordt.
v. Wees mijner gedachtig, o God!
want mijn leven is een wind; en
laat des menschen gezigt mij niet
aanschouwen.
r. Uit de diepte heb ik tot U
-ocr page 714-
708                GETIJDEN
geroepen : Heer, Heer! verhoor
mijne stem.
En laat des menschen gezigtmij
niet aanschouwen.
De vijfde Les. Job. 14.
De mensch, van eene vrouw ge-
boren, levende eenen korten tijd,
wordt vervuld met vele ellendighe-
den. Die gelijk eene bloem uitkomt,
wordt in stukken gewreven, vliet
weg als eene schaduwe, en blijft
nimmermeer in goeden staat. En
dunkt hetU waardig op zulken uwe
oogen te openen, en die met U te
brengen in het oordeel? Wie kan
toch zuiver maken dengenen, die
van onzuiver zaad ontvangen is ?
Kunt Gij dat niet, die alleen zijt ?
Kort zijn des menschen dagen; het
getal zijner maanden is bij U. Gij
hebt zijne einden gesteld, die niet
zullen mogen voorbij gegaan wor-
den. Ga eene wijl tijds voor hem,
-ocr page 715-
VOOR OVERLEDENEN. 709
opdat hij ruste, tot dat zijn begeerde
dag (als van eenen huurling) kome.
v. Wee mij, o Heer, dat ik zoo
veel heb gezondigd in mijn leven!
Wat zal ik, zondige mensch,doen?
waar zal ik vlieden dan tot U, mijn
God! Wees mij genadig, als Gij zult
komen in den laatsten dag.
r. Mijne ziel is zeer beroerd;
maar Gij, o Heer, kom haar te hulp.
Wees mij genadig, als Gij zult
komen in den laatsten dag.
De zesde Les. Job. 14.
Wie geeft mij dit, dat Gij mij in
de hel beschermt en mij verbergt,
tot dat uwe verbolgenheid voorbij
gegaan is, en dat Gij mij eenen tijd
stelt, in welken Gij mijner gedenkt?
Meent gij ook dat een dood mensch
wederom leven zal? Al de dagen,
in welke ik nu strijde, verwacht
ik, tot mijne verandering komt.
Gij zult mij roepen, en ik zal U
-ocr page 716-
710                  GETIJDEN
antwoorden: aan het werk uwer
handen zult Gij uwe regterhand toe-
reiken. Gij hebt wel mijne gangen
gesteld, maar spaar mijne zonden.
v. Heer! wil mijner zonden niet
gedachtig zijn, als Gij zult komen
oordeelen de wereld door het vuur.
e. Mijn Heer, mijn God! beschik
in uw aanschouwen mijnen weg.
Als Gij zult komen oordeelen de
wereld door het vuur.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En heteeuwige licht verlichte hen.
Als Gij zult komen oordeelen de
wereld door het vuur.
Als men maar ééne Nocturne leest, zoo
gaat men voort tot de Lauden.
DE DEEDE NOCTUENE.
Voor woensdags en zaturdags.
Psalm 39.
Antiph. U believe, Heer!
-ocr page 717-
VOOR OVERLEDENEN.        711
Verbeidende, heb ik den Heer
verbeid : en hij heeft op mij gelet.
En hij heeft mijne gebeden ver-
hoord: en hij heeft mij uit den
poel der ellendigheden getrokken,
en uit het slijk der vuiligheid.
En hij heeft mijne voeten gesteld
op den steen, en mijne gangen regt
gemaakt.
En hij heeft in mijnen mond
eenen nieuwen zang gesteld: eenen
lofzang voor onzen God.
Vele menschen zullen zien en
vreezen, en hopen in den Heer.
Zalig is de man, wiens hoop is
in den naam des Heeren: en die
niet omgezien heeft naar ijdelhe-
den of valsche dwaasheden.
Heer, mijn God! Gij hebt vele
wonderheden gedaan: en in uwe
gedachtenis is niemand uws gelijk.
Ik heb ze verkondigd en uitge-
sproken: zij zijn vermenigvuldigd
boven het getal.
-ocr page 718-
712                 GETIJDEN
Slagt- en spijsoffer hebt Gij niet
gewild: maar de ooren hebt Gij mij
geopend.
Brand» en zoenoffer hebt Gij niet
begeerd: toen zeide ik, zie ik
kom.
In het begin van het boek is van
mij geschreven, dat ik uwen wil
doen zoude: mijn God! ik heb het
gewild, en uwe wet is in het mid-
den van mijn hart.
Ik heb uwe regtvaardigheidver-
kondigd in eene groote vergade-
ring : zie, mijne lippen zal ik niet
verbieden, Heer, dat Gij weet.
Uwe regtvaardigheid heb ik niet
verborgen in mijn hart: van uwe
waarheid en uwe zaligheid heb ik
gesproken.
Ik heb uwe barmhartigheid niet
verborgen: en uwe waarheid voor
de groote gemeente.
Maar Gij, Heer, wend uwe barm-
hartigheden niet af van mij: uwe
-ocr page 719-
VOOE OVERLEDENEN. 713
barmhartigheid en waarheid heb-
hen mij altijd ontvangen.
Want de kwaden hebben mij ont-
vangen, welker geen getal is: mij ne
boosheden hebben mij aangegrepen,
en ik heb het niet kunnen zien.
Zij zijn vermenigvuldigd boven
de haren mijns hoofds: en mijn
hart heeft mij verlaten.
U believe, Heer, dat Gij mij ver-
losset: Heer! wil opzien om mij
te helpen.
Laat hen beschaamd worden en
te zamen vreezen, die mijne ziel
zoeken, om die weg te nemen.
Laat ze terug keeren, en tot
schande worden, die mij kwaad
willen.
Laat ze haastiglijk hunne be-
schaamdheid dragen, die mij zeg-
gen: vrij alzoo, vrij alzoo.
Laat ze verheugd en blijde zijn
over U, allen die U zoeken, en laat
ze altijd zeggen, die uwe zaligheid
-ocr page 720-
714                GETIJDEN
beminnen: de Heer worde groote-
lijks geloofd.
Maar ik ben behoeftig en arm:
de Heer is voor mij bezorgd.
Mijn helper en mijn beschermer
zijt Gij: God, wil niet vertoeven.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
Enhet eeuwige licht verlichte hen.
Antiph. U believe, Heer, dat Gij
mij verlosset: Heer! wil opzien om
mij te helpen.
Psalm 40.
Antiph. Genees, Heer!
Zalig is de man, die zich wijsse-
lijk ontfermt over de behoeftigen
en de armen : in den kwaden dag
zal hem de Heer verlossen.
De Heer beware hem, en make
hem levende, en hij make hem za-
lig op aarde: en hij levere hem niet
in den wil van zijne vijanden.
De Heer kome hem te hulp op
het bed zijner droefheid : geheel
-ocr page 721-
VOOR OVERLEDENEN. 715
zijn bed hebt Gij omgekeerd in zijne
krankheid.
Ik heb gezegd: Heer! ontferm U
mijner: genees mijne ziel, want ik
heb tegen U misdaan.
Mijne vijanden hebben tegen mij
kwaad gedaan: wanneerzalhij ster-
ven , en wanneer zal zijn naam ver-
gaan?
En als er iemand binnen kwam
om te zien, zoo sprak hij valsch-
heden: zijn hart heeft boosheid
vergaderd voor zichzelven.
Ging hij buiten, hij sprak van
dat zelfde.
Tegen mij hebben al mijne vij-
anden heimelijk gemompeld: tegen
mij hebben zij kwaad gedacht.
Een boos woord hebben zij tegen
mij vastgesteld: meent gij, dat hij
die slaapt, niets doen zal om op te
staan?
Ook de mensch mijns vredes, daar
ik op vertrouwde, die mijn brood
-ocr page 722-
716                 GETIJDEN
at, heeft mij grootelijks onder de
voeten getreden.
Maar Gij, Heer, ontferm U mij-
ner, en wek mij op: en ik zal het
bun vergelden.
Daaraan heb ik gekend, dat
Gij mij gewild hebt: want mijn
vijand zal zich niet verblijden
over mij.
Maar Gij hebt mij om mijne on-
noozelheid ontvangen: en Gij hebt
mij vastgemaaktvooruwaangezigt
in eeuwigheid.
Verheerlijkt worde de Heer, God
van Israël, van eeuw tot eeuw: dat
geschiede, dat geschiede!
Antiph. Genees, Heer, mijne
ziel: want ik beb tegen U ge-
zondigd.
Psalm 41.
Antiph. Mijne ziel heeft dorst ge-
had.
Gelijkeenhertsnaktnaar de bron»
-ocr page 723-
VOOR OVERLEDENEN.         717
wellen der wateren: zoo snakt
mijne ziel, o God, naar U.
Mijne ziel heeft dorst gehad naar
den magtigen en levenden God:
wanneer zal zij komen en verschij-
nen voor het aanschijn Gods?
Mijne tranen zijn mijn brood ge-
weest, dag en nacht: als mij dage-
lijks gezegd wordt: waar is uw God?
Deze dingen ben ik gedachtig ge-
weest, en ik heb mijne ziel in mij
uitgestort: want ik zal overgaan tot
de plaats des wonderlijken Taber-
nakels, tot het huis van God.
In de stem der verheuging en des
lofs: onder het geluid dergenen die
blijdelijk etende zijn.
Waarom zijt gij bedroefd, mijne
ziel: en waarom verstoort gij mij?
Hoop in God, want ik zal hem
nog loven: hij is de Zaligmaker
mijns aangezigts en mijn God.
In mijn binnenste is mijne ziel
geheel beroerd: daarom zal ik uwer
-ocr page 724-
718                 GETIJDEN
gedachtig zijn uit het land der Jor-
daan en Hermonum, van den klei-
nen berg.
De eene afgrond roept den ande-
ren afgrond: onder het gedruisch
uwer watersluizen.
Al uwe hooge vloeden en baren
zijn over mij gegaan.
In den dag heeft de Heer zijne
barmhartigheid bevolen: en in den
nacht zijnen lofzang.
Bij mij is het gebed tot den God
mijns levens: ik zal tot God zeggen:
Gij zijt mijn beschermer.
Waarom hebt Gij mij vergeten:
en waarom ga ik bedroefd als de
vijand mij kwelt?
Als mijne beenderen geheel ge-
broken worden: zoo hebben mij
mijne vijanden beschermd, die mij
leed doen.
Als zij mij dagelijks zeggen: waar
isuwGod?waaromzijtgij bedroefd,
-ocr page 725-
VOOR OVERLEDENEN.        719
mijne ziel, en waarom verstoort
gij mij?
Hoop in God; want ik zal hem
nog loven, den Zaligmaker mijne
aangezigts en mijnen God.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verl ichte hen.
Antiph. Mijne ziel heeft dorst ge-
had naar den levenden God: wan-
neer zal ik komen en verschijnen
voor het aanschijn des Heeren?
v. Lever aan de beesten de zielen
niet dergenen, die U belijden.
r. En vergeet de zielen uwer ar-
men niet tot het einde.
Onze Vader, enz. in stilte.
De zevende Les. Job. 17.
Mijngeestzal verminderen, mijne
dagen zullen gekort worden, en het
graf blijft mij alleen over; ik heb
niet gezondigd, en in bitterheden
blijft mijn oog. Verlos mij, Heer,
en stel mij nevens U, en laat dan
-ocr page 726-
720                GETIJDEN
een ieders hand tegen mij strijden.
Mijne dagen zijn voorbij gegaan,
mijne gedachten zijn verstrooid,
pijnigende mijn hart. Den nacht
hebben zij verkeerd in den dag, en
wederom na de duisternis hoop ik
het licht. Al is het dat ik verbeide,
zoo is echter het graf mijn huis; en
in de duisternis heb ik mijn bed ge-
maakt. Tot de verrotheid heb ik ge-
zegd: gij zijt mijn vader, en tot de
wormen : gij zijt mijne moeder en
mijne zuster. Hierom, waar is nu
mijne verwachting, en wie bemerkt
mijne geduldigheid?
v. De vreeze des doods beroert
mij, die dagelijks zondige, engeene
boete doe. Want in de hel is geene
verlossing: ontferm U mijner, o
God, en behoud mij.
r. God! in uwen naam, maak mij
zalig, en door uwe kracht, verlos
mij
Want in de hel is geene verlos-
-ocr page 727-
VOOE OVEELEDENEN.       721
sing, ontferm U mijner, o God,en
behoud mij.
De achtste Les. Job. 10.
Aan mijn vel (het vleesch verteerd
zijnde)heeft mijn gebeente gehan-
gen, en de lippen zijn alleenlijk ge-
laten over mijne tanden. OntfermU
mijner, ten minste gij, mijne vrien-
den; want de hand des Heeren heeft
mij geraakt. Waarom vervolgt gij
mij, gelijk God, en wordt gij van
mijn vleesch verzaad? Wie zal mij
verleenen dat mijne woorden ge-
schreven worden? Wie zal mij ge-
ven dat ze gedrukt worden in een
boek met een ijzeren stift, en in
looden platen? Of dat ze met een
beitel gesneden worden in den hard-
sten steen? Want ik weet wel, dat
mijn Ver losser leeft; en in denuiter-
sten dag zal ik uit de aarde weder-
om opstaan, en ik zal wederom over-
trokken worden met mijn vel, en
46
-ocr page 728-
722                GETIJDEN
in mijn vleesch zal ik mijnen God
zien. Dien ik zelf zien zal, en
mijne oogen zullen hem aanschou-
wen, en geen ander. Deze mijne
hoop berust in mijnen boezem.
v. Heer! wil mij niet oordeelen
naar mijne werken: want ik heb
niets waardigs gedaaninuwe tegen»
woordigheid. Daarom bid ik uwe
Majesteit, dat Gij, o God, mijne
boosheid wilt uitwasschen.
e. Wasch mij nog meer van
mijne ongeregtigheden, en van
mijne zonden zuiver mij.
Dat Gij, o God, mijne boosheid
wilt uitwasschen.
De negende Les. Job. 10.
Waarom hebt Gij mij uit de moe-
der voortgebragt? Ach! of ik ver-
nield waregeweest, datgeen oog mij
zag. Zoo zoude ik geweest zijn
alsof ik niet ware, van den buik
voorts weggedragen ten grave. Zal
-ocr page 729-
VOOR OVERLEDENEN. 723
de kortheid mijner dagen niet haast
een einde nemen? Daarom laat mij
toe dat ik een weinig mijne pijn
mag beweenen, eer dat ik ga, en
niet wederkeere tot dat duistere
land, en bedekt met de duisterheid
des doods : dat land der ellende
en duisternis, waar de schaduwe
des doods en geen e geschiktheid,
maar de eeuwige gruwel woont.
v. Verlos mij, o Heer, van de
wegen der hel, Gij die de metalen
poorten gebroken, de hel bezocht,
en hun het licht gegeven hebt;
en dat zij U zouden zien, die daar
waren in de pijnen der duisternis.
e. Roepende en zeggende: Gij zijt
tot ons gekomen, onze Verlosser.
Die daar waren in de pijnen der
duisternis.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
Enheteeuwigelichtverlichtehen.
Die daar waren in de pijnen der
duisternis.
-ocr page 730-
724                GETIJDEN
Het navolgende Besponsorium leest
men alleenlijk op Allerzielendag, en als
men drie Nocturnen leest.
O Heer! verlos mij van den
eeuwigen dood, in dien vreese-
lijken dag, als de hemelen en de
aarde zullen beroerd worden; als
Gij zult komen oordeelen de we-
reld door het vuur.
v. Bevende ben ik geworden, en
ik vreeze het onderzoek dat komen
zal, en de toekomende gramschap.
Als de hemelen en de aarde zul-
len beroerd worden : als Gij zult
komen oordeelen de wereld door
het vuur.
e. Die dag is een dag van gram-
schap , van benaauwdheiden ellen-
den : een lange en zeer bittere dag.
Als Gij zult komen oordeelen
de wereld door het vuur.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte hen.
O Heer! verlos mij van den eeu-
-ocr page 731-
VOOR OVERLEDENEN. 725
wigen dood, in dien vreeselij ken dag,
als de hemelen en de aarde zullen
beroerd worden; als Gij zult komen
oordeelen de wereld door het vuur.
De Lauden.
Psalm 59.
Antiph. De verootmoedigde.
Ontferm U mijner, o God, naar
uwe groote barmhartigheid.
En naar de menigte uwer barm-
hartigheden, wisch mijne boosheid
uit.
Wasch mij nog meer van mijne
ongeregtigheid: en zuiver mij van
mijne zonden.
Want mijne boosheid beken ik: en
mijne zonden zijn altijd tegen mij.
Tegen U alleen heb ik gezon-
digd, en kwaadvoorUgedaan: op-
dat Gij zoudt geregtvaardigd wor-
den in uwe woorden, en over-
winnen als Gij beoordeeld wordt.
Want zie, ik ben in boosheden
-ocr page 732-
726                GETIJDEN
ontvangen: en in zonden heeft
mij mijne moeder ontvangen.
Want zie, Gij hebt de waarheid
bemind: de onzekere en verbor-
gene dingen uwer wijsheid hebt
Gij mij geopenbaard.
Gij zult mij besproeijen met hy-
sop, en ik zal gezuiverd worden :
Gij zult mij wasschen, en boven
sneeuw zal ik wit worden.
Aan mijn gehoor zult Gij blijd-
schap en vreugde geven: en de
verootmoedigde beenderen zullen
zich verheugen.
Keer uw aangezigt van mijne zon-
den: en wil al mijne boosheden
uitwasschen.
Een zuiver hart schep in mij, o
God: en den regten geest vernieuw
in mijn binnenste.
Verwerp mij niet van uw aan-
schijn: en neem uwen heiligen
Geest van mij niet weg.
Geef mij wederom de blijdschap
-ocr page 733-
VOOR OVERLEDENEN. 727
van uwe zaligmaking: en met den
goeden geest versterk mij.
Ik zal de boozen uwe wegen lee-
ren: en de goddeloozen zullen tot
U bekeerd worden.
Verlos mij van het bloed, o God,
God mijner zaligheid: en mijne tong
zal hoogelijk uwe regtvaardigheid
loven.
Heer! Gij zult mijne lippen open
doen: en mijn mond zal uwen lof
verkondigen.
Want hadt Gij gewild, ik zoude
immers U opdragt gegeven hebben:
maar Gij zult in de brandoffers
geen genoegen hebben.
Een opdragt voor God is een
bedrukte geest: een vermorzeld en
verootmoedigd hart zult Gij, mijn
God, niet versmaden.
Heer! doe goedertierenlijk aan
Sion naar uwen goeden wil: en laat
de muren van Jeruzalem opge-
bouwd worden.
-ocr page 734-
728                GETIJDEN
Dan zult Gij de opdragt der regt-
vaardigheid ontvangen, deofferan-
den en brandoffers: dan zullen zij
kalveren op uw altaar leggen.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
Enheteeuwigelichtverlichtehen.
Antiph. De verootmoedigde been-
deren zullen zich verheugen in den
Heer.
Psalm 64.
Antiph. Verhoor, Heer, mijn ge-
bed, enz.
God! U betamen lofzangen in
Sion : en U zal de belofte betaald
worden in Jeruzalem.
Verhoor mijn gebed : tot U zal
alle vleesch komen.
De woorden der boozen zijn
magtiger geworden dan wij: en onze
boosheden zult Gij genadig zijn.
Zalig is hij, dien Gij verkoren en
aangenomen hebt: hij zal wonen
in uwe voorhoven.
-ocr page 735-
VOOR OVERLEDENEN. 729
Wij zullen vervuld worden metde
goederen van uw huis: heilig is uw
tempel, wonderlijk in de gereg-
tigheid.
Verhoor ons, God, onze Zaligma-
ker: Gij die zijt de hoop der gan-
sche wereld, en verre in de zee.
Bereidende de bergen in uwe
kracht, omgord met magt: die
verstoort de diepte der zee, het
geluid van hare baren.
De heidenen zullen verbaasd wor-
den, en zij zullen vreezen voor uwe
teekenen, die in de uiterste palen
wonen: de uitgangen van den mor-
gen- en van den avondstond zult
Gij genoegelijk maken.
Gij hebt de aarde bezocht, en die
heel vochtig gemaakt: Gij hebt me-
nigvuldiglijk haar rijk gemaakt.
De vloed Gods is vervuld met wa-
teren : Gij hebt hun spijze bereid;
want alzoo is haar bereidsel.
Maak hare rivieren dronken, ver»
-ocr page 736-
730                GETIJDEN
menigvuldig hare spruiten: in hare
regendruppelengroeijende, zal zij
zich verblijden.
Gij zult zegenen de kroon des
jaars van uwe goedertierenheid: en
uwe velden zullen vol worden van
vruchtbaarheid.
Vet zullen worden de schoone
plaatsen der woestijne: en met vro-
lijkheid zullen de heuvelen omvan-
gen worden.
De rammen der schapen zijn ge-
kleed, en de valeien zullen over-
vloedig zijn van tarwe : zij zullen
roepen, en waarlijklofzang zeggen.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
Enheteeuwigelichtverlichtehen.
Antiph. Verhoor, Heer, mijn ge-
bed : tot U zal alle vleesch komen.
Psalm 62.
Antiph. Mij heeft ontvangen.
God, mijn God! totU ontwaak ik
des morgens vroeg.
-ocr page 737-
VOOR OVERLEDENEN. 731
Mijne ziel heeft gedorst naar U:
hoe menigvuldiglijk dorst naar U
mijn vleesch.
In het woeste land en onbewan-
deld, en zonder water: zoo heb ik
mij voor U vertoond, in de heilige
plaats; opdat ik zoude zien uwe
kracht en uwen roem.
Want beter is uwe barmhartig-
heid boven vele levens: mijne lip-
pen zullen U loven.
Alzoo zal ik U verheerlijken in
mijn leven: en in uwen naam zal
ik mijne handen opheffen.
Gelijk als metvetdesingewands
en smeer, laat mijne ziel vervuld
worden: en met de lippen des ver-
heugens zal mijn mond U loven.
Ik ben uwer gedachtig geweest
in mijn bed: in de morgenstonden
zal ik op U denken; want Gij zijt
mijn helper geweest.
En onder het deksel uwer vleu-
gelen zal ik mij verheugen: mijne
-ocr page 738-
732                GETIJDEN
ziel heeft U aangehangen: uwe reg-
terhand heeft mij ontvangen.
Maar zij hebben te vergeefs mijne
ziel gezocht: zij zullen onder de
aarde nederdalen : zij zullen ge-
leverd worden in de handen des
zwaards: der vossen prooi zullen zij
wezen.
Maar de koning zal zich verblij-
den in God: zij zullen geprezen
worden, allen die hem zweeren;
want de mond is gestopt van al
diegenen die booze dingen spreken.
Psalm 66.
God wille ons barmhartig zijn,
en zegene ons: hij late zijn aan-
gezigt over ons schijnen en ontfer-
me zich onzer.
Opdat wij op de aarde uwen
weg mogen kennen: onder alle hei-
denen uwe zaligheid.
Laat alle volken U belijden, o
God! laat alle volken U belijden.
-ocr page 739-
VOOR OVERLEDENEN. 733
Laat de heidenen zich verblijden
en verheugen: want Gij oordeelt de
volken in regtvaardigheid, en de
heidenen bestuurt Gij op de aarde.
Laat de volken U belij den, o God!
laat alle volken U belij den: de aarde
heeft hare vrucht gegeven.
Dat God ons zegene, onze God:
God zegene ons, en hem moeten
vreezen al de einde der aarde.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
Enheteeuwigelichtverlichtehen.
Antiph. Mij heeft ontvangen,
Heer, uwe regterhand.
De Lofzang van Ezechias. Isaïas. 58.
Antiph. Van de poorten der hel.
Ik heb gezegd, in de helft mijner
dagen: ik zal gaan tot de poort der
hel.
Ik heb het overblijfsel mijner
jaren gezocht; ik heb gezegd: ik zal
den Heer, mijnen God, niet zien in
het land der levenden.
-ocr page 740-
734               GETIJDEN
Ik zal geenen mensch verder
meer aanzien : en geenen inwoner
der rust.
Mijn levensloop is weggenomen,
en opgewonden van mij: als eene
hut der herderen.
Mijn leven is afgesneden als van
eenen wever: toen ik nog begon,
heeft hij mij afgesneden: van den
morgenstond tot den avond zult Gij
mij vinden.
Ik hoopte tot den morgenstond :
als een leeuw zoo heeft hij al mijne
gebeenten in stukken gebroken.
Van den morgenstond tot den
avond zult Gij mij vinden: als een
zwaluwen-jong zoo zal ik roepen:
ik zal bedenken als eene duif.
Mijne oogen zijn gekrenkt: op-
waarts ziende naar de hoogten.
Heer! ik lijde geweld, antwoord
voor mij: wat zal ik zeggen, of wat
zal hij mij antwoorden, als hij het
zelf gedaan heeft?
-ocr page 741-
VOOE OVEBLEDENEN.        735
Ik zal voor mijne jaren overdeu-
ken : in de bitterheid mijner ziel.
Heer! is het dateenen alzoo leeft,
en is in al zulke dingen het leven
mijns geestes, zoo zult Gij mij straf-
fen, en mij levendig maken: zie, in
den vrede is mijne bitterheid de
allerbitterste.
Maar Gij hebt mijne ziel verlost,
opdat zij niet vergaan zoude: Gij
hebt al mijne zonden achter uwen
rug geworpen.
Want de hel zal u niet belijden,
noch de dood U loven: zij zullen
uwe waarheid niet verwachten,
die in den poel nederdalen.
DelevendezalUbelijden,gelijkik
heden ook doe: de vader zal de kin-
deren uwe waarheid doen kennen.
Heer! behoud mij: en wij zul-
len onze lofzangen zingen, al de
dagen onzes levens, in het huis
des Heeren.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
-ocr page 742-
736                 GETIJDEN
En het eeuwige licht verlichte hen.
Antiph. Van de poorten der hel:
o Heer! verlos mijne ziel.
Psalm 148.
Antiph. Alle geesten.
Looft den Heer, gij die van de
hemelen zijt: looft hem in den
hoogste.
Looft hem, al zijne engelen :
looft hem, al zijne krachten.
Looft hem, zon en maan : looft
hem, alle sterren en lichten.
Looft hem, gij hemelen der he-
melen: en de wateren, die boven
de hemelen zijn, loven des Hee-
ren naam.
Want hij heeft gesproken, en zij
zijn gemaakt: hij heeft het gebo-
den, en zij zijn geschapen.
Hij heeft die vastgesteld in eeu-
wigheid, en in de eeuwigheid der
eeuwigheden: een gebod heeft hij
gesteld, en het zal niet vergaan.
Looft den Heer, gij die van de
-ocr page 743-
VOOE OVERLEDENEN. 737
aarde zijt, draken en alle afgron-
den.
Vuur, hagel, sneeuw, ijs, win-
den der stormgetijden, die zijn
woord doet.
Bergen en alle heuvelen, vrucht-
bare boomen en alle cederboomen.
Beesten en allerhande vee, slan-
gen en gepluimde vogelen.
Koningen der aarde en alle vol-
ken, vorsten, en alle regters der
aarde.
Jongelingen en maagden, oude
lieden en jongen, loven den naam
des Heeren: want zijn naam alleen
is verheven.
Zijne belijding is boven den he-
mel en de aarde: en hij heeft den
hoorn zijns volks verheven.
Lofzang zij aan al zijne heiligen:
de kinderen van Israëls volk, dat
hem genaakt.
47
-ocr page 744-
738                GETIJDEN
Psalm 149.
Zingt den Heer eenen nieuwen
lofzang: zijn lof zij in de vergade-
ring der heiligen.
Laat Israël blijde zijn in hem,
die hen geschapen heeft: en Sion\'s
zonen zich verblijden in hunnen
Koning.
Dat zij zijnen naam loven in de
kooren: dat zij met trommel en
snarenspel hem lofzingen.
Want de Heer heeft behagen in
zijn volk: en hij heeft de zachtmoe-
digen verheven ter zaligheid.
De heiligen zullen zich verheu-
gen in den roem : zij zullen blijde
zijn in hunne slaapkamers.
De verheffing Gods zij in hunne
keelen: en zwaarden aan beide zij-
den snijdende in hunne handen.
Om wraak te doen aan de volke-
ren; straffingen onder de volkeren.
Om hunne koningen te binden
-ocr page 745-
VOOR OVERLEDENEN. 739
met ketenen: en hunne edelen met
ijzeren boeijen.
Om over hen te doen het be-
schreven oordeel: deze roem is aan
alle zijne heiligen.
Psalm 150.
Looft den Heer in zijne heiligen:
looft hem in het uitspansel zijner
sterkte.
Looft hem in zijne heerkrach-
ten: looft hem naar de menigte
zijner grootheid.
Looft hem met het geluid der
trompetten : looft hem met psalm
en snarenspel.
Looft hem met de trommel en
in rijen: looft hem met snaren en
orgelen.
Looft hem met de welluidende
cymbalen: looft hem met de cym-
balen der vreugd; alle geesten loven
den Heer.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
-ocr page 746-
740                GETIJDEN
Enheteeuwigelichtverlichtehen.
Ant. Alle geesten loven den Heer.
v. Ik heb eene stem van den he-
mel gehoord, zeggende tot mij:
e. Zalig zijn de dooden, die in
den Heer sterven.
Da lofzang van Zacharias. Luc. 1.
Antiph. Ik ben de verrijzenis.
Verheerlijkt zij de Heer, God van
Israël: want hij heeft bezocht en
bewerkt de verlossing zijns volks.
En hij heeft ons opgerigt een
hoorn der zaligheid: in het huis
van zijnen dienaar David.
Gelijk hij gesproken heeft door
den mond zijner heilige profeten:
die van het begin der wereld zijn.
Verlos ons van onze vijanden: en
uit de hand van allen die ons haten.
Om barmhartigheid te doen met
onze vaderen: om te gedenken aan
zijnen heiligen, uitersten wil.
Den eed, dien hij gezworen heeft
-ocr page 747-
VOOE OVEELEDENEN. 741
aan Abraham, oiizen vader: dat
hij ons geven zoude.
Dat wij zonder vreeze, verlost
zijnde uit de handen onzer vijan-
den, hem dienen zouden.
In heiligheid en regtvaardigheid
voor hem : al onze dagen.
En gij, kind, zult een profeet des
Allerhoogsten genoemd worden :
want gij zult voor des Heeren aan-
gezigt gaan, om zijne wegen te be-
reiden.
Om kennis der zaligheid te geven
aan zijne volkeren: tot vergiffenis
van hunne zonden.
Door de opregte barmhartigheid
onzes Gods: door welke hij ons be-
zocht heeft, opgaande uit den hoo-
gen.
Om te verlichten degenen die in
de duisternis en in de schaduwe
des doods zitten.
Om onze voeten te bestieren in
den weg des vredes.
-ocr page 748-
742                GETIJDEN
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte hen.
Antiph. Ik ben de verrijzenis en
het leven; die in mij gelooft, al
ware hij dood, zal leven; en al die
leeft, en in mij gelooft, zal in eeu-
wigtieid niet sterven.
Onze Vader, enz. knielende, gelijk
ook de volgende Psalmen en Verzen.
v. En leid ons niet in bekoring.
e. Maar verlos ons van denkwa-
den.
Als men de Vigilien met drie Noc-
turnen leest, zoo leest men den na-
volgenden Psalm niet:
uit de diep-
ten, enz.
maar wel de Verzen, Res-
ponsorien en het bijzondere Gebed,
pag. 683.
Psalm 129.
Uit de diepten heb ik tot U geroe-
pen: Heer, Heer! verhoor mijnestem.
Laat uwe ooren luisteren naar
de stem mijns biddens.
-ocr page 749-
VOOR OVERLEDENEN.        743
Is het dat Gij de boosheden ga-
deslaat: Heer, Heer! wie zal dan
bestaan ?
Want bij Uis verzoening: en om
uwe wet heb ik U, Heer, gediend.
Mijne ziel heeft op zijn woord
vertrouwd: mijne ziel heeft in den
Heer gehoopt.
Van den morgenstond tot den
nacht toe : zoo laat Israël in den
Heer hopen.
Want bij den Heer is barmhar-
tigheid: en bij hem is overvloedige
verlossing.
En hij zal Israël verlossen van
al zijne boosheden.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
Enheteeuwigelichtverlichtehen.
v. Van de poorten der hel.
r. Verlos, Heer, hunne zielen.
v. Dat zij rusten in vrede.
r. Amen.
v. Heer! verhoor mijn gebed.
r. En mijn geroep kome tot U.
-ocr page 750-
J2Ö23Ö3 rf\'te-\'-fl "•^Siïïfr\'
BIJZONDERE
GEBEDEN OP ALLERZIELENDR
ö God, Schepper en Verlosser aller
geloovigen! verleen de zielen uwer
dienarenen dienaressen vergiffenis
van al hunne zonden, opdat zij de
genadige kwijtschelding, die zij al-
tijd gewenscht hebben, door onze
ootmoedige gebeden mogen ver-
krijgen; die leeft en heerscht, met
God den Vader, in de eenheid des
heiligen Geestes, God in alle eeu-
wen der eeuwen. Amen.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte
hen.
v. Dat zij rusten in vrede.
r. Amen.
Deze Verzen zegt men insgelijks
achter de volgende Gebeden.
-ocr page 751-
GEBEDEN OP ALLEEZIELENDAG. 745
Voor eenen manspersoon.
Wij bidden U, Heer, ontsla de
ziel van uwen dienaar N., opdat
hij, de wereld afgestorven zijnde,
voor U mag leven; en hetgeen hij
door zwakheid des vleeschesin zijn
leven U misdaan heeft, wil dat af-
wasschen door de genade uwer
allerbarmhartigste goedertieren-
heid: door onzen Heer Jesus Chiïs-
tus, uwen Zoon, die met ü leeft
en heerscht, in eenheid des hei-
ligen Geestes, God in alle eeuwen
der eeuwen. Amen.
Voor eene vrouwspersoon.
Wij bidden U, Heer, ontsla de
ziel uwer dienares N., opdat zij,
de wereld afgestorven zijnde, voor
U mag leven; en hetgeen zij door
zwakheid des vleesches in haar le-
ven U misdaan heeft, wil dat afwas-
schen door de genade uwer aller-
-ocr page 752-
746                GEBEDEN
barmhartigste goedertierenheid:
door onzen Heer Jesus Christus. Am.
Voor eenen bisschop.
O God, die onder de apostolische
priesters, uwen dienaar N. met de
bisschoppelijke waardigheid hebt
begaafd: wij bidden U, verleen hem
ookin de hemelsche vreugd eeuwig-
lijkhun gezelschap tegenieten; door
onzen Heer Jesus Christus. Amen.
Voor eenen priester.
O God, die onder de apostolische
priesters, uwen dienaar N. met de
priesterlijke waardigheid hebt be-
gaafd: wij bidden U, verleen hem
ookin dehemelsche vreugd eeuwig-
lijkhungezelschap te genieten; door
onzenHeer, Jesus Christus. Amen.
Voor vader en moeder.
O God, die ons geboden hebt, dat
wij vader en moeder zouden eer en:
-ocr page 753-
OP ALLERZIELENDAG. 747
wees de zielen van mijnen vader en
mijne moeder genadig, en wil
hunne verledene zonden vergeven,
en maak dat ik hen in de vreugd
der eeuwige klaarheid mag aan-
schouwen; door onzen Heer Jesus
Christus. Amen.
Voor vadei\' of moeder.
O God, die ons geboden hebt,
dat wij vader en moeder zouden
eeren: wees genadig de ziel van
mijnen vader, (of moeder) en wil
alzijne(of hare) verledene zonden
vergeven, en maak dat ik hem (of
haar) in de vreugd der eeuwige
klaarheid mag aanschouwen; door
onzen Heer Jesus Christus. Amen.
Op een jaargetijde voor vele
personen.
O God, Heer der vergiffenis! geef
de zielen van uwe dienaren en die-
naressen, welker jaargetijden wij
-ocr page 754-
748 BEMERKINGEN OP DE
heden houden, de plaats der ver-
koeling, de zaligheid der rust, en
de klaarheid des lichts; door onzen
Heer Jesus Christus. Amen.
Op een jaargetijde voor eenen
persoon.
O God, Heer der vergiffenis!
geef de ziel van uwen dienaar
(of dienares) wiens j aargetij de wij
heden houden, de plaats der ver-
koeling, de zaligheid der rust, en
de klaarheid des lichts; door onzen
Heer Jesus Christus. Amen.
KORTE BEMERKINGEN
OP DE VIER UITERSTEN.
Op den dood.
\'t Is vastgesteld, gij zult eens sterven;
Maar hoe ? of waar ? waarvan ? wanneer ?
Deez\' kennis moet de mensch steeds der-
ven,
En is gekend slechts van den Heer.
-ocr page 755-
VIEE UITERSTEN.          749
Ecce prope sunt dies mortis tuce.
Deut. c. 31, v. 14.
Zie, de dagen van uwen dood
zijn nabij.
Op het Oordeel.
Ach! hoe vreeselijk is het oordeel,
Voor een mensch die kwalijk leeft:
Voor de goeden is \'t een voordeel,
Want elk naar verdiensten heeft.
Cuncta qce fiunt adducet Deus in
judicium
..... sive bonum, sive malum
Ulut sit. Eecles. cap. 12, v. 14.
Alles wat er geschiedt, zoo het
goede als het kwaad, zal God voor
het oordeel brengen.
Op de Hel.
Ach, hoe zal de zondaar lijden,
Als hij brandt in \'t vuur der hel!
Want dat vuur zal nooit uitscheiden,
Altijd branden even fel.
Vermis eorum non morietur, et
ignis eorum non extinguetur.
Is. Cap.
66. v. 24.
-ocr page 756-
750 BEMEEKINGEN OP DE
De knagende worm van hun
geweten zal niet sterven, en hun
vuur zal niet gebluscht worden.
Op den Hemel.
Ach! hoe troostvol is hel strijden ,
Als men op den hemel denkt,
Waar geen droefheid is noch lijden ,
En niets de eeuwige vreugde krenkt.
Mors ultra non erit, neque luctus,
neque clamor, neque dolor erit ultra,
quia prima abierant.
Ap. Cap. 21,
v. 4.
Daar zal voortaan geen dood meer
zijn; nochgejammer, noch geween,
noch smart zal er meer zijn : want
de dingen zijn voorbij gegaan.
GEBED
om van God de genade te verzoeken, om uit de
overdenking der uitersten geestelijk voordeel
te trekken, en zijne goede vosrnemens
getrouwelijk te volbrengen.
-ocr page 757-
VIER UITERSTEN.           751
O genadige God, die door uwe
oneindige goedheid en zorg voor
onze zaligheid dagelijks velerhan-
de middelen gebruikt, om ons ge-
legenheid te geven naar uwe hei-
lige inspraken te luisteren, en ons
tot het goede te bewegen; hier-
door ons van het vreeselijk onge-
luk der eeuwige verdoemenis te be-
vrij den, en deelachtig te maken aan
uwen eeuwigdurendenroem, omU
aldaar in eeuwigheid te aanschou-
wen, te beminnen, te loven en te
verheerlijken, en die gelukkige
vreugde te genieten, welke alle ge-
schapen verstand te boven gaat:ik
moet het als een van de middelen
aanzien, die uwe vaderlijke goed-
heid mij heeft bezorgd, wat ik
hier aangaande de uitersten des
menschen heb bemerkt, hetgeen
verder in dit Gebedenboek tot mijne
onderwijzing en opwekking tot het
goede is voorgesteld; hetisookuwe
-ocr page 758-
752 BEMERKINGEN OP DE
goedheiden de kracht van uwe ge-
nade, die mij bewogen heeft goede
voornemens temaken van krachtig»
lijk mijn leven te beteren. Maar, o
goede God, mijne eigene krankheid
en magteloosheid zal wederom al-
les verijdelen en vruchteloos ma-
ken, indien uwe genade mij niet
versterkt. Wat zullen de beste en
zaligste voornemens baten, als
zij deneenen dag met vurigheid zijn
gemaakt, en den volgenden dag, of
ten minste kort daarna, met koel-
zinnigheid zijn vergeten? Ach! ge-
lief mij daarvan te bewaren, o goed-
gunstige Vader! verlicht mijn ver-
stand, opdat ik het goede vatte;
versterk mijn geheugen, opdat ik
het nooit vergete; beweeg mijnen
wil, opdat ik het getrouwelijk
en standvastiglijk volge, en aldus
aan al de genade beantwoorde ,
die uwe vaderlijke zorgvuldigheid
mij gelieft te verleenen.
-ocr page 759-
VIEE UITEESTEtf.          753
Op deze uwe hulp en genade
steunende, zal ik trachten waar-
lijk en kloekmoedig mij te bete-
ren, getrouwelijk de gelegenheden
van zonde te vermijden, mijne
kwade driften te bedwingen en te
wederstaan, mijne tong voorzigtig-
lijk te bewaren, in eerbaarheid, in
vrede en liefde met mijnen even-
mensch te leven, en zoo in alles
mij te gedragen, dat ik, dit leven
eindigende, een genadig oordeel
mag bekomen, van het allergrootste
ongeluk der eeuwige verdoemenis
mag bevrijd, en met uwe uitver-
korenen aan uwe regterhand ge-
steld, tot het genot der hemelsche
eer mag geroepen worden.
Verlicht, o Heer, alle dwalen-
den, en breng hen tot het ware ge-
loof, en alle zondaars tot bekeering:
geef hun genadiglijk vergiffenis,
aan de regtvaardigen volharding,
aan alle geloovigen en lijdende zie-
48
-ocr page 760-
. 754 DE VESPER-PSALMEN.
len volle kwijtschelding en verlos»
sing, opdat wij allen te zamen in
eeuwigheid U mogen eeren, loven
en verheerlijken. Door Christus,
onzen Heer. Amen.
DE VESPERS
VOOR DE Z0N- Ei\\ HEILIGDAGEN.
DE ZONDAGSCHE PSALMEN.
v. O God! kom mij te hulp.
Heer! haast U om mij te helpen.
Eere zij den Vader, en den
Zoon, en den heiligen Geest.
Geujk het was in het begin, nu
en altijd, en in de eeuwen der
eeuwen. Amen. Alleluja.
Van Septuagesima tot Paschen.
Lof zij U, Heer, Koning der
eeuwige eere.
-ocr page 761-
DE VESPEE-PSALMEtf. 755><
Psalm 109.                <?
David voorzegt, dat Christus zal verheven
worden aan de regterhand des Vaders;
dat zijn rijk en voorzegging zal beginnen
in Sion, en dat hij zal zijn de eeuwige
Priester bij den Vader, naar de wijze van
Melchisedech.
Nota. De woorden die in deze Psalmen met
Cursief letters zijn gesteld, zijn er bijge-
voegd tot opheldering.
De Heer, Vader, heeft gezegd
tot mijnen Heer, Christus: zit aan
mijne regterzijde.
Tot dat ik uwe vijanden stelle
tot eene voetbank uwer voeten.
De Heer, God, zal den schepter
uwer magt, o Christus, uit Sion
doen komen: neem de heerschappij
in het midden uwer vijanden.
Uwe heerschappij zal men kennen
in den dag van uwe kracht; in
den luister van uwe heiligen: ik,
Vader, heb U vóór den dageraad
uit mijnen schoot voortgebragt.
-ocr page 762-
756 DE VESPER-PSALMEN.
God de Heer heeft het gezworen,
en het zal hem niet berouwen : Gij,
Christus, zijt de eeuwige Priester,
naar de wijze van Melchisedech.
De Heer Christus is, o Vadei*,
aan uwe regterzijde: hij heeft de
koningen verpletterd in den dag
zijner gramschap.
Hij zal regt doen over de heide-
nen;hij zal eene volle vernieling
te weeg brengen: hij zal de hoofden
van velen op aarde verpletteren.
Hij Zal Op den Weg zijns levens Uit
de beek des lijden* drinken: daarom
zal hij zijn hoofd verheffen.
Eere zij den Vader, enz.
Gelijk het was, enz.
Psalm 110.
David looft Gods wonderen, die hij heeft ge-
daan, toen hij de Israëlieten heeft verlost
uit Egypte, en hen gespijsd met manna, en
gebragt in het land van belofte. Hij looft
de heiligheid van zijne geboden.
-ocr page 763-
DE VESPEKPSALMEN. 757
Heer! ik zal U loven uit geheel
mijn hart, in den raad en in de
vergadering der regtvaardigen.
Groot zijn de werken des Hee-
ren: zij zijn volmaakt volgens zij-
nen wil en welbehagen.
Zijn werk is lof en heerlijkheid:
zijne regtvaardigheid zal blijven
in de eeuwen der eeuwen.
De Heer, die genadig en barm-
hartig is, heeft de gedachtenis van
zijne wonderen altijddurende ge-
maakt: hij heeft spijs gegeven aan
die hem vreezen.
Hij zal zijn verbond altijd ge-
dachtig zijn: hij zal de kracht
zijner werken aan zijn volk ver-
kondigen.
Opdat hij hun het erfdeel geve
en het land der heidenen: de wer-
ken zijner handen zijn waarheid
en geregtigheid.
Al zijne geboden zijngetrouw: zij
zijn bevestigd door alle eeuwen; zij
-ocr page 764-
758 DE VESPEK-PSALMEN.
zijn gemaakt in waarheid en op-
regtheid.
Hij heeft aan zijn volk in Egypte
de verlossing toegezonden: hij
heeft zijn verbond en belofte voor
eeuwig vastgesteld.
Heilig en ontzaggelijk is zijn
naam: de vreeze des Heeren is het
beginsel der wijsheid.
Wel verstandig zijn zij, die zijne
uitspraak volbrengen: zijn lof is
in eeuwigheid.
Eere zij den Vader, enz.
Psalm 111.
Die naarstig tracht Gods geboden te onder-
houden , en de armen te helpen, die zal
gelukkig zijn in zijne nazaten en in zijne
werken.
Zalig is de man die den Heer
vreest, en gaarne tot hem bidt.
Zijn nazaat zal magtig zijn op de
aarde: het geslacht der regtvaar-
digen zal gezegend worden.
-ocr page 765-
DE VESPEE-PSALMEN. 759
Luister en rijkdom zalin zijn huis
wezen: zijne regtvaardigheid zal
duren in de eeuwen der eeuwen.
Aandeopregtenisindeduisternis
het licht opgerezen : de genadige,
barmhartige en regtvaardigeiTeer.
Blijmoedig is de mensch die me-
delijden heeft en gaarne leent: hij
zal zijne woorden met een unjs
oordeel besturen; hij zal in eeu-
wigheid niet ontrust worden.
De regtvaardige zal in eene eeu-
wige gedachtenis zijn: hij zal voor
een kwaad gerucht niet vreezen.
Zijn hart is bereid om te hopen
in den Heer, zijn hart is versterkt:
hij zal niet ontrust worden, tot dat
hij zijne vijanden versmaad en ten
onder ziet.
Hij heeft zijn goed uitgestrooid en
den armen gegeven: zijne regtvaar»
digheid zal eeuwig blijven : zijn
hoorn zal in roem verheven worden.
De zondaar zal het zien en kwaad
-ocr page 766-
760 DE VESPEE-PSALMEN.
worden: hij zal op zijne tanden
knarsen en weenen; het verlangen
der zondaren zal te niet gaan.
Eere zij den Vader, enz.
Psalm 112.
David wekt ons op om God te loven, die de
ootmoedigen aanziet om hen te verheffen,
en om de onvruchtbaren vruchtbaar te ma-
ken ook in deugden.
Looft gij, kinderen, den Heer:
looft den naam des Heeren.
De naam des Heeren zij geprezen:
van nu af tot in eeuwigheid.
Van den opgang der zon tot den
ondergang, is de naam des Heeren
lofwaardig.
De Heer is verheven boven alle
volken: en zijne eer boven de he-
melen.
Wie is er gelijk aan den Heer,
die in de hoogte woont, en die nog-
tam
hetgeen nederig is aanziet, in
den hemel en op de aarde?
Die den behoeftige opheft van
-ocr page 767-
DE VESPER-PSALMEN. 761
de aarde: en den arme uit den
druk verheft?
Om hem te doen zitten met de
vorsten: met de vorsten van zijn
volk.
Hij doet de onvruchtbare vrouw
wonen in een groot huisgezin: en
haar eene blijde moeder wezen van
vele kinderen.
Eere zij den Yader, en den
Zoon, en den heiligen Geest.
Gelijk het was in het begin, nu
en altijd, en in de eeuwen der
eeuwen. Amen. Alleluja.
Psalm 113.
David verhaalt de wonderen, die God deed,
toen hij de Israëlieten uit Egypte leidde.
Dat de roem aan God alleen toekomt.
De ijdelheid der afgoden. Dat die op God
vertrouwen, niet zullen beschaamd worden.
Als Israël uit Egjpte trok: het
huis van Jacob uit een vreemd
volk.
-ocr page 768-
762 DE VESPEE-PSALMEN.
Toen werd het joodsche volk
God toegewijd: Israël werd zijne
heerschappij.
De zee heeft het gezien, en
vlugtte weg: de Jordaan liep ach-
terwaarts heen.
De bergen sprongen op als ram-
men, en de heuvelen als lammeren
der schapen.
O zee, wat deed u wegvlieden?
en gij, o Jordaan, wat deed u ach-
terwaarts loopen?
Gij, bergen, wat deed u op-
springen als rammen? en gij, heu*
velen, als lammeren der schapen?
De aarde beefde voor het aan-
schijn des Heeren: voor het aan-
gezigt van den God van Jacob.
Voor hem die de rots heeft ver-
anderd in eenen watervloed, en
de steenrots in waterbronnen.
Niet aan ons, o Heer, niet aan
ons: maar geef aan uwen naam den
roem.
-ocr page 769-
DE VESPER-PSALMEN. 763
Om uwe barmhartigheid en ge-
trouwheid behoud ons: opdat de
heidenen niet zeggen: waar is nu
hun God?
Onze God is in den hemel: hij
heeft alles gedaan wat hem beliefde.
De afgoden der heidenen zijn
maar zilver en goud: maaksels
van \'smenschen handen.
Zij hebben eenen mond, maar
spreken niet: zij hebben oogen,
en zien niet.
Zij hebben ooren, maar hooren
niet: zij hebben eene neus, maar
ruiken niet.
Zij hebben handen, maar voelen
niet; zij hebben voeten, maar wan-
delen niet; zij zullen geen geluid
geven met hunne keelen.
Dat zij, die ze maken, hun ge-
lijk worden: en allen die er op ver-
trouwen.
Maar het geslacht van Israël
heeft vertrouwd op den Heer:
-ocr page 770-
764 DE VESPEK-PSALMEN.
daarom is hij hun helper en be-
schermer.
Het geslacht van Aaron heeft
vertrouwd op den Heer: daarom
is hij hun helper en beschermer.
Die den Heer vreezen, hebben
op hem vertrouwd: daarom is hij
hun helper en beschermer.
De Heer is ons indachtig ge-
weest: en hij heeft ons geze-
gend.
Hij heeft het huis van Israël
gezegend: hij heeft het huis van
Aaron gezegend.
Hij heeft ze allen gezegend, die
den Heer vreezen: de kleinen en
de grooten.
De Heer vermeerdere zijnen zegen
over u en over uwe kinderen.
Verheerlijkt moet Gij wezen,
o Heer, die hemel en aarde ge-
maakt hebt.
De hemel der hemelen is voor
den Heer: maar de aarde heeft
-ocr page 771-
DE VESPER-PSALMEN. 765
hij aan de kinderen der menschen
gegeven.
De dooden, o Heer, zullen U
niet loven: noch allen die onder
de aarde nederdalen.
Maar wij, die in het leven zijn,
loven den Heer: van nu af tot in
eeuwigheid.
Eere zij den Vader, enz.
KORTE LES.
Van zondags na Pinksteren tot
Septuagesima.
Verheerlijkt zij God, de Vader
van onzen Heer Jesus Christus, de
Vader der barmhartigheid, en de
God van allen troost, die ons ver-
troost in al onze kwellingen. II.
Corinth. 1.
>!i God zij gedankt, \'ix
lli li\'JiX ::It\'»Ü Vi\'t i • :!(, lk"J
.•H>J|j>!n>»ihiX i-Mi, . tI)t.iU
-ocr page 772-
766 DE VESPER-PSALMEN
Lofzang.
0 groote Schepper van het licht,
Die, door uw goddelijk gezicht,
Gaf, dat men \'t eerste licht aanzag,
\'t Beginsel van des werelds dag :
Gij spraakt, en met één wenk terstond
Schiept Gij den dag en de avondstond.
Aanhoor de menschen hier beneên,
Hoor onze beden en geween;
Opdat het gemoed, door schuld gedrukt,
Uit \'t leven niet wordt weggerukt,
Als het niets eeuwigs nog verzint,
En zich aan zonden vaster bindt.
Dat het voor \'s hemels poorte stijg,
Des levens loon aldaar verkrijg;
Dat wij het kwade mogen vlien,
En eens des hemels vreugde zien :
Dit bid ik, beste Vader, geef,
En Gij, die eeuwig met Hem leeft,
Ook Gij, Vertrooster, heilige Geest,
Die altijd heerschend zijt geweest. Amen.
De Lofzang van Maria.
Myne ziel verheft grootelijks
den Heer.
En mijn geest verheugt zich in
God, mynen Zaligmaker.
-ocr page 773-
DE VESPEE-PSALMEN. 767
Omdat hij de nederigheid vau
zijne dienstmaagd heeftaangezien:
want zie, van nu af zullen alle
geslachten mij gelukkig noemen.
Want hij heeft mij groote din-
gen gedaan, die magtig is: en hei-
lig is zijn naam.
En zijne barmhartigheid gaat
van geslachte tot geslacht: over
degenen die hem vreezen.
Hij heeft de kracht van zijnen
arm uitgewerkt: hij heeft de hoog-
moedigen in de gedachten hunner
harten verstrooid.
Hij heeft de magtigen van den
stoel afgezet, en de nederigenheeft
hij verheven.
Hij heeft de hongerigen met goe-
deren vervuld, en de rijken ijdel
weggezonden.
Hij heeft Israël, zijnen dienaar,
opgenomen: indachtig zijndezijner
barmhartigheid.
Volgens hetgeen mj aan onze
-ocr page 774-
768 DE VESPER-PSALMEN.
voorvaders had gezegd: aanAbra-
ham en zijne nakomelingen, in
alle eeuwen.
Eere zij den Vader, enz.
Hier volgt het gebed van den Zondag.
In de eerste Vesperen van de heilige
Apostelen, ook van eenen martelaar,
of eene martelares, van belijders en
bisschoppen, worden deze zóndag-
sche Psalmen gelezen; maar in plaats
van den laatsten
(In exitu) wordt
gezegd : Laudate Dominum om-
nes gentes, gelijk hier volgt.
David noodigt alle Heidenen, om
God over de roeping tot het geloof te
loven.
. .                                          . •\'i
Alle heidenen looft den Heer:
looft hem alle volken.
Wantzijnebarmhartigheid is be-
vestigd over ons: en de waarheid
des Heeren blijft in eeuwigheid.
-ocr page 775-
DE VESPER-PSALMEN. 769
Eere zij den Vader, enz.
Op den feestdag of in de tweede ves-
pers van een of meer martelaren, wordt
in plaats van de vijfde psalm de volgende
gelezen.
Psalm 115.
Is eene dankzegging over de verlossing en de
weldaden van God vergund, en dient voor
eene ziel die God bedankt, dat hij haar uit
den staat des doods heeft getrokken.
Ik heb God geloofd, daarom heb
ik onbevreesd gesproken: nogtans
was ik bedrukt bovenmate.
Ik heb gezegd in mijne haastig-
heid : alle mensch is leugenachtig.
Maar wat zal ik den Heer weder-
geven, voor al hetgeen hij mij heeft
bewezen en mij verlost heeft.
Ik zal den kelk van geduld en
zaligheid aannemen, en den naam
des Heeren aanroepen.
Ik zal mij ne beloften aan den Heer
49
-ocr page 776-
770 DE VESPEE-PSALMEN.
kwijten, in de tegenwoordigheid
van al zijn volk: de dood der hei-
ligen is dierbaar in des Heeren
oogen.
O Heer! ik ben uw dienaar: uw
dienaar ben ik, en de zoon van
uwe dienstmaagd.
Gij hebt mijne banden gebroken:
ik zal U offeranden opdragen, en
den naam des Heeren aanroepen.
Ik zal mijne beloften aan den
Heer betalen, in de tegenwoor-
digheid van al zijn volk: in de voor-
zaal van het huis des Heeren, in
het midden van u, Jeruzalem.
Eere zij den Vader, enz.
In de tweede vespers van eenen
bisschop, geen martelaar, wordt in
plaats van de vijfde psalm, de navol-
gende gelezen.
-ocr page 777-
DE VESPER-PSALMEN.        771
Psalm 131.
Deze psalm, door Salomongemaakt, beschrijft
den ijver die David had, om eenen tempel
voor God te bouwen, als ook de goede wen\'
schen van Salomon.
Heer! wees David gedachtig, en
al zijne zachtmoedigheid.
Hoe hij aan den Heer heeft ge-
zworen, en beloften gedaan aan
den God van Jacob.
Te wetew,ishetdat ik mijne woning
in mijn huis ga nemen: is het dat
ik trede op mijn gespreid bed.
Is het dat ik aan mijne oogen
den slaap geve, of sluimering aan
mijne oogleden.
Of mijn hoofd tot rust begeve:
tot dat ik voor den Heer eene plaats
vinde, en eene woning voor den
God van Jacob.
Ziet, wij hebben gehoord dat die
ptos was in Ephrata; wij hebben
die geVondenin de velden des wouds.
-ocr page 778-
772 DE VESPER-PSALMEN.
Dan zullen wij intreden in zijne
woningen: wij zullen hem aanbid-
den in de plaats, waar zijne voe-
ten hebben gestaan.
O Heer! sta op, opdat Gij gaat
in uwe rustplaats en de ark uwer
heiligmaking.
Dat uwe priesters bekleed wor-
den met geregtigheid, en uwe hei-
ligen in vreugde zijn.
Om uwen dienaar David, keer
toch uw aanschijn niet af van mij,
uwen gezalfde.
De HeerheeftDavid deze waarheid
gezworen, en zij zal hem niet ontbre-
ken: want de vrucht uws ligchaams
zal ik stellen op uwen troon.
Is het dat uwe zonen mijn ver-
bond onderhouden, en mijne wet-
ten, die ik hun zal leeren.
Dan zullen zij met hunne nako-
melingen op uwen troon eeuwig
blijven zitten.
Want de Heer heeft Sion verko-
-ocr page 779-
DE VESPER-PSALMEN. 773
ren: hij heeft haar tot zijne woning
verkoren.
Die zal zijne rustplaats wezen in
alle eeuwen: hier zal ik wonen ,
want ik heb ze verkoren.
Ik zal hare weduwen rijkelijk
zegenen: ik zal hare armen met
brood verzadigen.
Ik zal hare priesters met zalig-
heid bekleeden: en hare heiligen
zullen met vreugde opspringen.
Daar zal ik den hoorn van David
doen voortkomen: ik heb voor
David, mijnen gezalfde, eene lamp
bereid.
Zijne vijanden zal ik met schaam-
te bedekken: maar over hem zal
mijne heiligheid uitschijnen.
Eere zij den Vader, enz.
Psalmen der tweede vespers van de
heilige Apostelen.
Psalm 109. De Heer heeft, enz.
bladz. 755.
-ocr page 780-
774 DE VESPER-PSALMEN.
Psalm 112. Kinderen, looft den
Heer, enz. bladz. 760.
Psalm 115. Ik heb geloofd, enz.
bladz. 769.
Psalm 125.
Is eene dankzegging van de Joden, die we-
dergekeerd waren uit de gevangenissen van
Babylonie; en ook van eene bekeerde ziel,
biddende voor de bekeering van anderen.
Als de Heer de gevangenen van
Sion deed wederkeeren, waren wij
als verkwikte nienschen.
Toen werd onze mond met blijd-
schap vervuld, en onze tong met
blijde gezangen.
Toen zeiden zij onder de heide-
nen : de Heer heeft met dit volk
groote dingen gedaan.
Wel heeft de Heer groote dingen
met ons gedaan: en wij zijn ver-
blijd geworden.
-ocr page 781-
DE VESPEK-PSALMEN. 775
Heer! keeronzegevangenis,gelijk
eene waterbeek in het zuiden.
Die met tranen zaaijen, zullen
met blijdschap maaijen.
Zij gingen al weenende heen,
wanneer zij hun zaad zaaiden.
Maar zij zullen met vreugde we-
derkomen, als zij hunne schoven
inbrengen.
Eere zij den Vader, enz.
Psalm 138.
David beschrijft Gods voorzienigheid, hoe
wonderlijk zij ons van jongs af bestuurt,
alles wetende, en overal tegenwoordig zijnde:
dat Gods vrienden bij hem aandachtig zijn;
de zondaars haat en smart verdienen.
Heer! Gij hebt mij doorgrond
en gekend: Gij kent mijn zitten en
mijn opstaan.
Gij hebt mijne gedachten ver-
staan van verre: mijne paden en
mijnen handel speurt Gij na.
-ocr page 782-
776 DE VESPER-PSALMEN.
Gij hebt al mijne wegen en voor-
nemens te voren gezien, al is het
dat ik ze niet sprak.
O Heer! Gij weet alle verledene en
toekomende dingen. Gij hebtmij ge-
maakt, en uwe hand op mij gelegd
om mij te scheppen en te bewaren.
Uwe kennis is mij wonderlijk
geworden en gaat mijn verstand te
boven; zij is verheven, en ik kan
ze niet achterlaten.
Waar zal ik gaan voor uwen
geest? waar zal ik uw vertoornd
aangezigt kunnen ontvlugten?
Is het dat ik in den hemel klim-
me, Gij zijt daar: is het dat ik ter
heldale, Gij zijt daar tegenwoordig.
Al nam ik vleugelen aan met den
dageraad, en ging wonen op het
uiterste der zee.
Zoo zoude uwe hand mij daar
ook henen leiden: en uwe regter-
hand koude mij vast houden als
gevangene.
-ocr page 783-
DE VESPER-PSALMEN. 777
En ik heb gezegd : de duister-
nis zal misschien mij dekken voor
uwe oogen:
maar de nacht zelf zal
mij een licht zijn in mijne genoe-
gens.
Want de duisternis zal voor U
niet duister zijn; de nacht wordt
verlicht en is helder voor U: de
duisternis van den nacht en het
licht van den dag zijn één bij U.
Gij beziethet binnenste vanmijne
nieren: Gij hebt mij opgenomen
van uit mijn moeders ligchaam.
Ik zal U loven, omdat Gij op
eene wonderbare wij ze zij t verheer-
lijkt: uwe werken zijn wonderbaar,
en mijne ziel bekent die zeer wel.
Mijn gebeente was voor U niet
verborgen, hetwelk Gij inhethei-
melijk hebt gemaakt: te zamen met
mijn wezen, in de onderste deelen
der aarde.
Uwe oogen zagen mij, als ik nog
een onvolmaakt wezen was: alle
-ocr page 784-
778 DE VESPER-PSALMEN.
menschen staan in uw boek ge-
schreven; eiken dag zullen zij
hunne gedaante bekomen, niemand
uitgenomen.
O God! hoezeer zijn uwe vrien-
den bij mij in waarde: hunne heer-
lijkheid is bovenmate verheven.
Wil ik ze tellen, zij zullen het
zand in getal te boven gaan : word
ik wakker, zoo ben ik nog bij U.
O God! Gij zult de zondaars niet
dooden: wijkt af van mij, gij bloed-
gierige menschen.
Want Gij zijt binnen u zelven :
te vergeefs zullen zij uwe steden
innemen.
O Heer! en haat ik niet degenen
die U haten: en was ik niet gebelgd
op uwe vijanden?
Ik haat ze met eene volkome-
ne haat; en zij zijn mijne vijanden
geworden.
Doorgrond mij, o God, en door-
-ocr page 785-
DE VESPEE-PSALMEN. 779
zie mijn hart: beproef my, en let
op mijne wegen,
En zie of er een weg van boos-
heid in mij is: en geleid mij op den
weg der zaligheid.
Eere zij den Vader, enz.
KOETE LES.
Broeders! gij zijtnu geenegasten
en vreemdelingen, maar gij zij t bur-
gers der heiligen en huisgenooten
van God, gebouwd op der Aposte-
len en Profeten grondslag, waar-
van Jesus Christus de opperste
hoeksteen is. Ephes. cap. 2.
e. God zij gedankt.
LOFZANG.
Gansch de wereld zij in vreugde,
Gansch de hemel zingt de deugden,
De aarde, sterren, \'t hemelsch hof,
Melden der Apostelen lof.
Gij zijt regters, \'s werelds lichten,
Die kwaamt Christus\' Kerke stichten.
Wij bidden dan eerbiediglijk,
Trekt ons uit der zonden slijk.
-ocr page 786-
780 DE VESPER-PSALMEN.
Gij die \'s hemels poort en streken,
Sluit en opent door uw spreken ;
Maakt ons arme zondaars vrij,
Plaatst ons in der englen rij.
Lijden, ziekte, kwaal en pijnen,
Kunt gij spoedig doen verdwijnen;
Heelt ons zwak en ziek gemoed,
En onze deugden groeijen doet.
Maakt dat, als Christus, de Heere,
Tot het oordeel weer zal keeren,
Hij ons roepe te gelijk,
Tot zijn hemelsch koningrijk.
Lof en eer aan God den Vader,
Ook aan God den Zoon te gader,
Ook aan U, God heilige Geest,
Zij de eer in \'s hemels feest.
v. Tot alle aarde is hun klank uitgegaan.
r. En hunne woorden tot het einde der
aarde.
Hierna volgt de Antiphone en
llagnificat, (zie bladz. 766.) en het
gebed van de heilige Kerk.
—•*$*—
-ocr page 787-
DE VESPERS.
OP DE
FEESTDAGEN VAN DE HEILIGE MAAGD MARIA.
Nota. Deze psalmen worden ook in
de eerste en tweede vespers van
eene maagd en eene weduwe gelezen
Psalm 109.
De Heer, Vader, heeft gezegd
tot mijnen Heer, Christus: zit aan
mijne regterzijde.
Tot dat ik uwe vijanden stelle
tot eene voetbank uwer voeten.
De Heer, God, zal den schepter
uwer magt, o Christus, uit Sion
doen komen: neem de heerschappij
in het midden uwer vijanden.
Uwe heerschappij zal men kennen
in den dag van uwe kracht; in
den luister van uwe heiligen: ik,
Vader, heb U vóór den dageraad
uit mijnen schoot voortgebragt.
-ocr page 788-
782 DE VESPER-PSALMEN.
God de Heer heeft het gezworen,
en het zal hem niet berouwen : Gij,
Christus, zijt de eeuwige Priester,
naar de wijze van Melchisedech.
De Heer Christus is, o Vader,
aan uwe regterzijde: hij heeft de
koningen verpletterd in den dag
zijner gramschap.
Hij zal regt doen over de hei-
denen; hij zal eene volle vernie-
ling te weeg brengen: hij zal de
hoofden van velen op de aarde
verpletteren.
Hij zal op den weg zijns levens Uit
de beek des lijdens drinken: daarom
zal hij zijn hoofd verheffen.
Eere zij den Vader, enz.
Psalm 112.
Looft gij, kinderen, den Heer:
looft den naam des Heeren.
De naam des Heeren zij geprezen:
van nu af tot in eeuwigheid.
Van den opgang der zon tot den
-ocr page 789-
783 DE VESPEE-PSALMEN.
ondergang, is denaam des Heeren
lofwaardig.
De Heer is verheven boven alle
volken: en zijne eer boven de he-
melen.
Wie is er gelijk aan den Heer,
die in de hoogte woont, en die nop
tam
hetgeen nederig is aanziet, in
den hemel en op de aarde?
Die den behoeftige opheft van
de aarde: en den arme uit den
druk verheft?
Om hem te doen zitten met de
vorsten: met de vorsten van zijn
volk.
Hij doet de onvruchtbare vrouw
wonen in een groot huisgezin: en
haar eene blijde moeder wezen van
vele kinderen.
Eere zij den Vader, enz.
-ocr page 790-
784 DE VESPEK-PSALMEN.
Psalm 121.
Be gevangene Joden in Babylonie verheugen
zich over de goede tijdingen van hunne ver-
lossing. Zij wenschen den welstand van Je-
ruzalem te zien. Hetzelfde wenschen alle
goede zielen aan de heilige Kerk.
Ik ben verblijd over hetgeen mij
gezegd is: wij zullen gaan in het
huis des Heeren.
Onze voeten waren staande in
uwe voorzalen, o Jeruzalem.
Jeruzalem, die gebouwd is als
eene stad, wier deelen wel te za-
men gevoegd zijn.
Want derwaarts trekken de stam-
men op, de stammen des Heeren:
volgens het bevel gegeven aan Israël,
om den naam des Heeren te loven.
Want daar is het dat de regter-
stoelen gesteld zijn: de regterstoe-
len over het huis van David.
Bid om den vrede van Jeruzalem:
overvloedigheid zij over degenen
die u beminnen.
-ocr page 791-
DE VESPER-PSALMEN. 785
De vrede zij in uwe vestingen,
en overvloedigheid in uwe torens
en hooge gebouwen.
Om den wil van mijne broeders
en mijne vrienden, wensch ik aan
u den vrede.
Om den wil van het huis des
Heeren, onzen God, heb ik uw wei-
varen betracht.
Eere zij den Vader, enz.
Psalm 126.
Dat alle pogingen des menschen ijdel
zijn, als God dezelve niet zegent.
Tenzij de Heer het huis op-
bouwe : te vergeefs arbeiden zij,
die er aan bouwen.
Tenzij de Heer de stad bewa-
re : te vergeefs waakt hij die ze
bewaart.
Het is tevergeefs dat gij voor het
licht opstaat: sta op, nadat gij ge-
50
-ocr page 792-
786 DE VESPER-PSALMEN.
zeten zijt, die daar eet het brood
der droefheid.
Als hij aan zijne beminden de
rust zal gegeven hebben, zullen zij
tot erfenis en loon van den Heer
kinderen bekomen, die de vruch-
ten des ligchaams zijn.
De kinderen der verdrukten ,
zijn als de pijlen in de hand van
eenen sterken held.
Zalig is de man, die zijnen wensen
van zulke kinderen vol heeft: hij
zal niet beschaamd staan, als hij
met zijne vijanden zal spreken in
de poort van de stad.
Eere zij den Vader, enz.
/sii »T
Psalm 147.
Bit is de Lofzang, als Jeruzalem en deszelfs
omstreken in vrede waren; welke stad de
afbeelding is van de heilige Kerk, opge-
bouwd door de verkondiging der Apostelen.
Het is eene volmaakte liefde, die op de
aarde den hemel bemint.
-ocr page 793-
DE VESPEE-PSALMEN. 787
Jeruzalem, loof den Heer: loof
Sion uw God.
Want hij heeft de sloten van uwe
poorten vast gemaakt: hij heeft
uwe kinderen binnen u gezegend.
Hij heeft uwe landpalen in vrede
gesteld: en hij verzadigt u met de
bloem der tarwe.
Hij zendt zijn bevel over de aarde:
zijn woord loopt met alle snelheid.
Hij doet de sneeuw als vlekken
vallen: hij strooit den nevel als
asch.
Hij zendt zijnen hagel af als klei*
ne brijzelingen : wie zal voor het
aangezigt van zijne koude kunnen
bestaan ?
Hij zendt zijn woord af, en doet
dat smelten: hij doet zijnen wind
waaijen, en de wateren vloeijen.
Hij heeft zijn woord aan Jacob
en zijne nakomelingen bekend ge-
maakt : zijne geregtigheden en
oordeelen aan Israël.
-ocr page 794-
788 DE VESPEE-PSALMEN.
Zoo heeft hij niet met alle volke-
ren gedaan, en zijne bevelen aan
hun niet bekend gemaakt.
Eere zij den Vader, enz.
KORTE LES.
Vóór het begin en vóór alle
eeuwen ben ik geschapen; en ik
zal tot de toekomende eeuwen niet
bezwijken : in de heilige woning
heb ik voor hem gediend.
e. God zij gedankt.
Ave Maris Stella.
O zeester, wees gegroet,
Gods Moeder, maagd gebleven 1
O deur van het eeuwig leven, il(^
Wij vallen u te voet.
Geef ons den vree te zaam\',
Ontvangend \'s engels groeten ;
Wil onzen druk verzoeten,
Veranderen Eva\'s naam.
Ontbind der zonden band,
En geef het licht den blinden;
Doe ons het goede vinden,
Weer \'t kwaad van alle kant.
-ocr page 795-
DE VESPER-PSALMEN. 789
Toon dat gij onze moeder zijt;
Doe Hem ons bidden hooren,
Die, om ons, in u geboren,
Uw Kind werd in den tijd.
Maak ons bevrijd van schuld;
Zend ons, o maagden-wonder,
Zachtmoedig in \'t bijzonder,
De kuischheid en \'t geduld.
Leer ons het pad der deugd;
Opdat, naar ons betrouwen,
Wij Jesus eens aanschouwen,
Met u, in de eeuwige vreugd.
Lof zij den Vader, Zoon,
En heilige Geest; \'t drieëenig Wezen
Zij steeds geëerd, geprezen,
Geloofd op \'s hemels troon.
Waarna volgt de Antiphoon, de
Magnificat, bladz.
766, en het Gebed,
hetgeen niet altijd hetzelfde is, op de
Feestdagen van de heilige Maagd.
Doch het gebruikelijkste gebed, hetgeen
de Kerk leest door geheel het jaar, is
het volgende :
Gebed van de heilige Kerk.
Verleen ons, Heer, bidden wij
U, dat wij, uwe dienaren, eene
-ocr page 796-
790 DE VESPER-PSALMEN.
altijddurende welvaart naar ziel
en ligchaam genieten, en door de
roeinwaardige voorspraak der za-
lige Maria, altijd maagd, van de
tegenwoordige droefheid verlost
mogen worden, en de eeuwige
vreugde verwerven. Door Jesus
Christus, onzen Heer, die met U
en den heiligen Geest leeft en
heerscht, in alle eeuwen der eeu-
wen. e. Amen.
-ocr page 797-
•frOMQagMQ^>^»^)M<ENE<MXMOaOM<M>-
ZEVEN OEFENINGEN
om den tijd wel toe te brengen tot nut onzer ziel.
I.  Zoon, zegt de heilige Geest, be-
waar den tijd.
Eccl. 4. Daarom tracht
nooit ledig te zijn; doe altijd iets, zegt
de heilige Hieronimus, opdat de dui-
vel u nooit ledig vinde. Als gij den
dag nuttiglijk zult hebben toegebragt,
zegt de godvruchtige Thomas a
Kempis, zult gij des avonds altijd
blijde zijn.
II.  Doe uwe werken met eene
goede meening, offer dezelve aan
God op, en smeek hem er eenen
goeden uitslag aan te verleenen,
tot zijne eer en glorie.
i III. Offer dikwils uwe gedach-
ten, woorden en werken aan den
hemelschen Vader op, in ver-
eeniging met de verdiensten, het
lijden en den dood van zijnen
Zoon, onzen Heer Jesus Chris-
-ocr page 798-
792 ZEVEN OEFENINGEN
tus: voor u zei ven voor de zon-
darea, en voor de zielen in het
vagevuur.
IV.  Voed uwe ziel met goede
gedachten; verhef uw hart gedu-
rig tot God door korte schietge-
beden; houd u altijd in zijne te-
genwoordigheid. Dit was de hei-
lige oefening van den koninklij-
ken Profeet: ik zag, zegt hij, den
Heer altijd voor mijne oogen. Psalm 15.
V.  Vlugt, zooveel u mogelijk
is, alle ijdele en onnoodige be-
zoeken en redevoeringen. Wees
altijd bezorgd uwe redevoeringen
te versieren met iets dat ten goe*-
de strekke voor uwe ziel, of tot
stichting van uwe naasten^.; ;oJ
VI.  Denk dikwijls op de eeu-
wigheid, hoe de Heiligen zich
verheugen over het goede gebruik
van hunnen tijd; hoe de zielen in
het vagevuur en de verdoemden
in de hel het verlies en mis-
-ocr page 799-
TOT NUT ONZEK ZIEL. 793
bruik van hunnen tijd beweenen.
VIL Regel des morgens alle
bezigheden van den dag; onder-
zoek des avonds hoe gij den dag
hebt doorgebragt; vraag aan God
vergiffenis over den tijd, welken
gij verkwist hebt, en genade om
denzelven voortaan beter te ge-
bruiken; hiertoe kan dienen het
volgende
GEBED.
ó God! doe ons zien hoe koste-
lijk de tijd is; doe ons denzelven
zoo hoog achten, dat wij hem nooit
onnuttiglijk verkwisten. Doe ons
het verlies van den tijd meer be-
klagen, dan eenig ander tijdelijk
verlies. Ik beken dat Gij mij
den tijd genadiglijk verleent, om
mijne zaligheid te bewerken, en
ik vraag vergiffenis van al den
tijd, welken ik onnuttig verkwist
heb; geef mij door uwe genade
-ocr page 800-
794 ZEVEN OEFENINGEN ENZ.
dat ik denzelven voortaan beter
gebruike, dat ik veel aan U den-
ke, gaarne van U spreke, en zoo
leve in den tijd, dat ik in en door
U moge leven in eeuwigheid.
Amen.
-ocr page 801-
-^-g-^J—"jj^—fl—:q^^p-ff-r%ter<rt"~Q—fp-!^^i.J^!ft-**f-fL.
BLADWIJZER
VAN HETGEEN IN DIT GEBEDENBOEK
BEGKEPEN IS.
Voornaamste punten des geloofs.....5
Gebeden des morgens........ 0
Gebeden des avonds........18
Gebeden onder de heilige Misse.....28
De zeven Boet-psalmen.......63
Litanie van alle Heiligen.......80
Korte voorbereiding tot de Biecht . . . . 93
Opwekking tot een opregt berouw. . . .105
Oefening van de drie goddelijke deugden. .108
Het zekerste middel tegen de zonden bestaat
in de oefening der vier uitersten. . . .112
Voorbereiding en gebeden voor de heilige
Communie...........114
Oefening en gebeden na de heilige Communie. 143
Litanie van de allerheiligste Drievuldigheid . 168
De Lofzang: Te Deum Laudamus . . . .174
Litanie van den heiligen Geest.....177
Lofzang tot den heiligen Geest: Feni Creator
Spiritus............184
Litanie van den zoeten Naam Jesus . . .185
Lofzang op den zoeten Naam Jesus . . .189
Litanie van de heilige Engelen.....192
Litanie van den heiligen Engel-bewaarder . 197
Rijmgebed tot den heiligen Engel-bewaarder. 204
Belijdenis van den heiligen Carolus Borromeus. 210
-ocr page 802-
BLADWIJZER.
Litanie van het allerheiligste Sakrament . 214
Groetenis tot het allerheiligste Sakrament . 219
Gebed tot het allerheiligste Sakrament, van
den heiligen Thomas van Aquinen . .221
Aandachtig gebed tot het heilig Hart van Jesus 224
Litanie van het lijden van Christus .
        . 226
Lofzang ter eere en tot gedachtenis van het
bitter lijden onzes Heeren Jesus Christus. 234
Litanie tot de heilige Maagd Maria . . 236
Gebed tot de heilige Maagd Maria .
        . 240
Gebed van den heiligen Chrysostomus, tot de
heilige maagd Maria .... 242
Gebed van den heiligen Bernardus , tot de
heilige maagd Maria .... 244
Gebed in den nood. tot de heilige maagd Maria. 246
Gebed tot de heilige maagd Maria, koningin
van hemel en aarde.        .        .        .        .257
Korte getijden van de zeven Weeën : Stabat
Mater Dolorosa ..... 261
Onderrigting omtrent den Rozenkrans, manier
om denzelven te bidden .... 283
Manier om godvruchtiglijk den Rozenkrans
van den allerh. Naam Jesus te bidden . 289
Van den heiligen Kruisweg. . . .313
De veertien Statiën . . . . .316
Gebeden op het lijden en sterven van onzen
Heer Jesus Christus .... 339
Manier om den gansenen dag al zijne werken
met het lijden onzes Heeren Jesus Christus
te vereenigen ...... 344
Vijftien gebeden van de heilige Brigitta . 353
Uur van zaligheid en barmhartigheid . .371
Onze Vader, ter eere van het heilige Hart
van onzen Heer Jesus Christus . .387
-ocr page 803-
BLADWIJZER.
Litanie van den H. Josef .            .            .390
Litanie van den H. Stepbanus. .            . 398
Litanie van den H. Willebrordus .            . 406
Litanie van den H. Dominicus        .            .411
Litanie van den H. Pranciscus van Assisië . 420
Litanie van den H. Ignatius.
            .            . 425
Litanie van de H. Barbare .           .            . 432
Kleine getijden van den II. Antonius van
Padua .            .            .            .            .437
Litanie van den H. Antonius van Padua . 449
Negen vrome gebeden tot den IL Antonius
van Padua            .... 456
Dingsdags Lof van den H. Antonius van Padua. 461
Litanie van de H. Theresia .
            .            .467
Bemerkingen op de zeven woorden van den
Heer Jesus Cbristus aan het kruis.           . 477
Litanie van den H. Joannes Nepomucenus . 486
Gebeden tot den H. Joannes Nepomucenus . 493
Gebeden tot verscheidene Heiligen .
             .497
Litanie van de goddelijke Voorzienigheid . 500
Godvruchtig gebed van prins Eugenius . 503
Dagelijks gebed tot God. .
            .            .509
Litanie tot de heilige Drie-koningen.            .519
Vernieuwing van de heiligmaking des doopsels. 524
De godzalige huiszegen
         .            .            .531
Gebeden om eenen zaligen dood te verwerven . 539
Uiterste wil van eenen Christen .
            .548
Smeekgebed tot den heiligen Rochus .          . 559
Gebed en litanie om eenen zaligen dood te
verwerven.            .             .            .            .565
Aanspraak van Christus .            .            .577
Testament van eenen Christen . .            .580
Verzoek om de zeven gaven des heiligen Gees-
tes, met eenige krachtige gebeden.            . 583
-ocr page 804-
BLADWIJZER.
Verzoek om genade, van een zalig beroep te
verkiezen, tot God den heiligen Geest. . 594
Gebed voor alle jongmans en jonge dochters,
om eene zalige verkiezing.             .            . 598
Gebed tot de allerheiligste Drievuldigheid,
en eene Novene om negen dagen te lezen,
tot het verkiezen van een beroep.            . 599
Gebed om de goddelijke liefde te verkrijgen. 601
Gebed tot de allerheiligste maagd Maria, om
eenen zaligen staat te verkiezen .            .603
Gebeden opzigtens het heilig Sakrament des
huwelijks ..... 604
Gebed van den bruidegom, zoo voor hem
zelven als voor zijne bruid.          .            .610
Gebed van de bruid, zoo voor haar zelve als
voor haren bruidegom .            .            .612
Gebed voor eene bevruchte vrouw .            .614
Gebed hetwelk de ouders zullen lezen, wan-
neer hun kind gedoopt is.
            .            .616
Gebed van eene moeder, die haren kerkgang
doet         .            .            .            .            .617
Gebed voor ouders, om hunne kinderen in
een christelijk leven op te brengen.         . 618
Gebed voor eene weduwe .            .            .620
Gebed voor maagden, om genade in hunnen
staat te verkrijgen.£          .            .            . 622
Gebeden voor de zieken        .            .           . 625-
Korte verheffing des gemoeds, tot troost der
zieken .            .            .            .            .628
Gebeden die men voor den zieken zal lezen . 631
Litanie voor de stervenden .
            .            . 686
Bij het sterven der kranken.            .            . öS0\'
Gebeden ouder de heilige Misse, voor de
zielen der geloovige overledenen .            .640
-ocr page 805-
BLADWIJZER.
Litanie voor de geloovige zielen in het vage-"
vuur         ..... 666
Gebed voor onze afgestorvene vrienden en
weldoeners.           .            .            .            .671
Vigiliën of getijden voor overledenen            . 672
Bijzondere gebeden op allerzielendag.            . 744
Korte bemerkingen op de vier uitersten. . 748
Op den dood.
           .... 748
Op het oordeel         .            .            .            ,749
Op de hel .            .            .            .            . 749
Op den hemel.         .            .            .            .750
Gebed om van God de genade te verzoeken,
om uit de overdenking der uitersten gees-
telijk voordeel te trekken, en zijne goede\'?r\'1
voornemens getrouwelijk te volbrengen . 750
De Vesper-psalmen van de zon- en heilig-
dagen .            .            .            .            . 754
De Vesper-psalmen op de feestdagen van de
heilige maagd Maria         .            .            .781
Lofzang: Ave Mark Stella .            .            .788
Gebed van de heilige Kerk .            .            .789
Zeven oefeningen om den tijd wel toe te
brengen, tot nut onzer ziel           .            . 791