-ocr page 1-
-ocr page 2-
-ocr page 3-
••
-ocr page 4-
-ocr page 5-
Het Heilig Uue\\.
-ocr page 6-
RIJKSUNIVERSITEIT UTRECHT
A06000016059804B
1605 9804
Stoonidrukkerii van L. KEUVEL & C., Amsterdam,
-ocr page 7-
^9           3df
W «* a * V
HET
U jci.
Oefeningen en Gebeden
BIJ DE
GEDURIGE AANBIDDING EN HET GEBED VAN VEERTIG UREN;
63
BIECHT-, COMMUNIE- EN MIS-GEBEDEN.
MEERENDEELS GETROKKEN UIT DE WERKEN
VAX DEN » ,
H. LEONARDUS A PORTU MAURITIO.
gde vcimeei\'öet\'be (Dtuk
.BIBLIOTHEEK Dl
RIJKSUNIVERSITE
UTRECHT
COLL. THOMAASSE
AMSTERDAM,
G. « O K (i.
188G.
-ocr page 8-
IMPRIMATUR
Amsteloilaini, 28 Martii 18T0.
J. A. VAN DEN AKKEK,
Lib:É. Cens.
-ocr page 9-
EEN WOORDJE BIJ DE 3e DRUK.
Met een gevoel van dankbaarheid leg ik deze
3" druk ter perse, voorzeker is het ongehoord voor
een devotieboekje (er bestaan zoo vele) om in een
jaar ruim 2 duizend te verkoopen, door gedurige
navragen word ik er nu toe genoodzaakt, en voldoe
daarom gaarne aan een veelvuldig verzoek om ook
eenige Litauien en eereboele er bij te voegen die
hier zeker op zijn plaats zullen ziji .
Moge deze nieuwe uitgave die ook op fraaier
papier gedrukt is een gunstig onthaal vinde, en
eenigzins bijdrage om de oneer te herstellen die
God worde aangedaan in het II. Sacrament des
Altaars, voorzeker zal dan het doel van de Uitgever
bereikt worden.
Feestdag H. Bï.asius 1885.
VOORWOORD.
Het is zigtbaar voor iedereen hoe alom bij de
geloovigen in de laatste jaren de vereering en
aanbidding van het H. Sakrament des Altaars is
toegenomen. Overal ziel men bij de Christenen
meer en meer behoefte om hunnen goddelijken
Meester, onder broodsgedaante op het altaar tegen-
woordig, dikwijls te komen groeten, en hun hart
1
-ocr page 10-
2
voor Hem uit te storten, en zoo menigmaal eene
plegtige uitstelling Tan het Allerheiligste geschiedt,
kan de priester er op rekenen dat het getal van
aanbidders den ganschen dag groot zal zijn.
Geen wonder dat dan ook in bijna iedere paro-
chie van ons vaderland het broederschap der ge-
durige aanbidding en de oefening van bet Veertig-
uren-gebed is ingesteld.
Welnu, het is om de geloovigen te helpen dat
uur van aanbidding, dat heilig uur goed en voor-
deelig door te brengen, dat wij hun dil gebeden-
boek aanbieden. De gewone kerkboeken geven
in den regel te weinig gebeden voor het H. Sa-
krament, om den Christen een geheel uur bezig te
houden; en toch van het goed doorbrengen van
dit heilig uur zal zooveel voor hem afhangen.
• Neen, neen," zegt de II. Cyprianus: »de tranen
vlieten nooit te vergeefs in tegenwoordigheid van
Jesus Christus; daar behoeft een rouwmoedig en
vernedert hart nooit te vreezen van zich te zullen
zien verstooten. De goddelijke ingevingen zullen
getrouw aan onze verzuchtingen beantwoorden,
en de zachtheid der hemelsche vertroostingen zal
een onfeilbaar gevolg van ouze tranen zijn."
Vooraf een enkel woord over de gedurige aan-
bidding en het veertig-uren-gebed.
De gedurige aanbidding is een broederschap, dat
in de eerste helft der 17de eeuw in het bisdom
-ocr page 11-
3
van Luik ontstond, en spoedig door paus Cle-
mens XII bevestigd en met allaten begiftigd werd.
De grondgedachte waaruit liet ontsproot was
deze: liet is niets meer dan billijk dat wij.
Christenen, dag en nacht in aanbidding zouden zijn
neergeknield voor Jesus Christus, die uit liefde tot
ons voortdurend onder den schijn van brood iu
ons midden wil wonen. Maar dewijl niemand hier
toe in staat is, moeten de Christenen van ver-
schillende plaatsen zich vereenigen om gezamenlijk
te doen, wal niemand hunner afzonderlijk kan
verrichten. Wanneer in een bisdom elke paro-
chie een verschillende dag van aanbidding kiest
en de parochianen onder elkander de uren van den
dag verdeelen, dan zal in ieder bisdom Jesus, alle
dagen door het gansche jaar, eenige vrienden rond
zich hebben om Hem in zijn geheim te aanbidden.
Wordt ineu lid van dit broederschap, dan ver-
bindt men zich, om jaarlijks, een uur lang, het
Heilig Sakrament te aanbidden.
Men is echter onder geene de minste zonde
verbonden. Men kan dit uur volbrengen niet
alleen in de kerk, maar ook in zijn huis, ook
op reis, als men zich intusschen met godvruchtige
bedenkingen bezig houdt. Door eenige reden
verhinderd zijnde het bepaalde uur te houden,
kan men naar goedvinden een ander kiezen.
De atlaten, aan dit Broederschap voor Neder-
land verleend, zijn de volgende:
-ocr page 12-
VOLLE AFLAAT
\'Ook toevoegelijk aan de geloovige zielen)
aan de Leden dezer Broederschap vergund
op de volgende dagen.
Den dag als men in de Broederschap wordt inge-
schreven.
Den dag dat men zijn jaarlijks Bid uur volbrengt.
Zondag onder het octaaf van het 1111. Sa kram ent.
Zondag onder het octaaf van alle Heiligen.
Den feestdag van Driekoningen.
Deo eersten Zondag van den Advent.
Den eersten Zondag van de Vaste.
Den eerste Zondag der maand Mei.
Witten Donderdag.
Onzes Heeren Hemelvaart.
Den feestdag van den II. Lainbertus, 17 September.
Om deze aflaten te verdienen moet men biechten,
communiceerrn en eenigen tijd bidden tot intentie van
Zijne Heiligheid den Paus.
bleus in de maand, als men een uur lang in de
kerk het Allerheiligste Sakrament zal aanbidden.
Om dezen aflaat te verdienen is het niet noodig
te biechten en te communiceeren, mits men slechts
in staat van genade zij.)
-ocr page 13-
5
In het uur des Joods, wanneer merk alsdan ge-
biecht en gecommuniceerd heeft, of dit niet kun-
nende, met een oprecht berouw over zijne zonden
den heiligen Naam jesus, godvruchtelijk zal aan-
roepen, ten minste met het hart, zoo men het met
den mond niet kan.
Het veertig-uren-gebed is geen broederschap, maar
een wijze van aanbidding, die waarschijnlijk voor
het eerst in het midden der zestiende eeuw door
een Capucijner-pater in Milaan werd ingevoerd, tot
aandenken aan de veertig uren, die Christus in het
graf heeft doorgebragt, In 1592 heeft paus Clemens
VIII het veerlig-uren-gebed in Rome ingevoerd, erj
bevolen dat de verschillende kerken der Eeuwige
Stad om beurt die oeleniug zouden houden, ten
einde door een voortdurend gebed van God te ver-
krijgen den vrede in Frankrijk, en de afwending
van de gevaren, die Europa bedreigden van deu
kant der Turken eu ongeloovigen.
In Rome bleef\' die oefening altijd in gebruik en
werd zij voortdurend door de geloovigen met ijver
gehouden, en van daar verspreidde zij zich in de
meeste lauden der wereld. Die veertig uren van
aanbidding worden dan over drie achtereenvolgende
dagen verdeeld ; en waar deze wijze van aanbidding
wettig is opgerigt, heeft de pastoor het regt om
gedurende die drie dagen het Heilig Sacrament
plegtig uit te stellen.
-ocr page 14-
u
Het was ook te Rome, en wel door den H. Phi-
lippus Nereus, dat het gebruik begon om het veer-
tig-uren-gebed te houden op de drie laatste dagen
van den vasten-avocd, de drie dagen die aschwoens-
dag voorafgaan. Het bijzonder doel, dat de Heilige
daarbij had. was aan God voldoening te geven voor
de oneer, Hem in die dagen van vermaak aangedaan,
en om door bijzondere goede werken den goddelij-
kcti toorn af te wenden van de arme zondaars, die
zich in dagen van ongebonden vreugde maar al te
dikwijls vergeten. De H. Carolus Borremaeus beval
deze oefening voor zijn bisdom Milaan, en spoedig
werd dit schoon gebruik in vele katholieke landen
ingevoerd.
-ocr page 15-
GEESTELIJKE RAADGEVINGEN
VOOR
GODVRUCHTIGE CHRISTENEN
011
HET UUR VAN AANBIDDING
VOO»
ONZEN HEER EN ZALIGMAKER
JESU8 CHEISÏUS
IN ÏÏET
SAKRAMENT DER GEZEGENDE EUCHARISTIE
MET VOORDEEL DOOR TE BRENGEN.
-ocr page 16-
-ocr page 17-
Tracht een goed gebruik te maken van uw bid-
uur voor het Allerheiligst Sakrament want de
overvloed van genade en barmhartigheid welke
cene ziel gedurende dit kostbaar uur kan verkrij-
gen, is onberekenbaar.
1.    Nader dan, om Jesus in de gezegende Eu-
charistie te aanbidden, tot de oueindige majesteit
van uwen goddelijken Koning, met een diepen
ootmoed, opdat gij hein moogt vereeren met uw
geheele wezen, en moogt volharden in die nede-
righeid, en alzoo nederig van deze doorluchtigen
Heer moogt weggaan. Houdt u verzekerd, dat
dikwijls weinig vrucht uit het biduur getrokken
wordt, dewijl men het niet in diepe nederigheid
begint, voortzet en eindigt. Onze Heer Jesus deelt
zich gaarne mede aan de ootmoedigen, aan de
nederigen, en hij onttrekt zich aan eene hoog-
moedige ziel, die met eene verlagende baatzuch-
tigheid zich zelve alleen bemint.
2.    Wanneer gij in \'t gebed tot Jesus. uwen
i\'
-ocr page 18-
10
grooten God, in het Allerheiligste Sakrament nadert,
moet gij dat toch altijd met een volgzaam, gewillig
hart doen. gereed om in alle dingen zijn allerhei-
ligsten wil te volbrengen, zonder eenig voorbehoud,
zonder toe te geven aan voorliefde of tegenzin;
want het moet een vaardig en edelmoedig offer zijn,
dat gij aan de zoetste liefde uws harten, aan Jesus
in het gezegend Sacrament brengt. Hij heeft zich
zoo liefdevol aan u gegeven, kunt gij dan wel te
veel doen met u zelven geheel aan hem en aan
het goeddunken van zijn allerheiligsten wil op te
offeren!
3.     Zorg vooral dat gij het Allerheiligste Sakra-
ment niet komt aanbidden met een hart, dat gehecht
is aan dagelijksche zonden, en aan eene vrijwillige
blindheid des geestes, die voorkomt uit de liefde
tot de ondeugd en uwe hartstogten. Hij toch, die
aldus nadert om in dit biduur met Jesus te spreken,
komt, om zoo te zeggen, den Heer Jesus dwingen
om tegenover zijne ziel het stilzwijgen te bewaren
en zich voor haar te verbergen. Indien gij u aan
dagelijksche zonden en verzuimen schuldig kent,
belijd die dan nederig in zijne tegenwoordigheid,
smeek hem met kinderlijk vertrouwen dat hij ze u
vergeve, en neem het vaste besluit om van Jesus
alleen toe te behooren.
4.     Onzen Heer Jesus mishagen zeer de zonden
-ocr page 19-
11
tegen de gehoorzaamheid, tegen het opvolgen van
den regel, tegen de broederlijke liefde; en voor-
namelijk is dit het geval, wanneer die zonden uit
gewoonte of uit boosheid voorkomen; want indien
men ze niet van ganscher harte verfoeit, worden
zij een groot beletsel daarentegen dat de Heer Jesus
zich aan de ziel mededeelt. Hetzelfde geldt van.
vrijwillige verstiooidheid, van de zondige gewoonte
van het inwilligen van ligchamelijk gemak en de
geriefelijk heden des levens en het uit gewoonte
toegeven aan zijne hartstogten. Deze dingen zijn
als dikke en donkere wolken, welken deonuitspre-
kelijke schoonheid en heiligheid dier goddelijke
Zon, Jesus Christus, verbergen, die zich alleen
ontsluijert en openbaart aan de zuiveren van harte.
5. Pas op dat gij niet bezorgd zijt om gedurende
het biduur geestelijke vertroostingen te hebben
ol te verlangen naar gevoelige devotie. Deze aardsche
en lage geest, vol van eigenbaat, is het gevolg van
een grooten maar verborgen hoogmoed, en hij mis-
haagt Jesus onzen Heer bijzonder. Indien gij nederig
waart, en uwe nietigheid kendet, dan zoudt gij niet
alleen niet naar eene gevoelige devotie, naar gees-
telijke vertroosting in uwe meditatién en uwe ge-
beden haken, maar dan zoudt gij verlangen, dat
God u geen andere vertroostingen dan dorheid en
ongevoeligheid mogt schenken, opdat gij aldus uwe
onvolmaaktheden beter mogt leeren kennen, en
-ocr page 20-
12
Jesus om Mem alleen en niet o>n eigen genot lief-
hebben. Zij. die zoo verlangen naar gevoelige
devotie en geestelijke vertroosting gedurende hun
gebed, zijn altijd onvolmaakte zielen, en dikwijls
worden zij door een valsch gevoel zeer misleid. Laat
Jesus u behandelen zooals het hem het meest be-
haagt, en tracht in alle nederigheid en eenvoudig"
heid des harten zijn heiligen wil te doen, u geheel
en al in zijne gezegende handen overgevende; al
het andere dat gij zoudt begeeren is slechts blind*
heid en eigenheide, heimelijke hoogmoed en gees-
telijke begoocheling.
6. Tracht gedurende de kostbare oogenblikken
welke gij in aanbidding voor het Allerheiligste Sa-
krament doorbrengt, bezield te zijn met een geest
van levendig gelooi\', en verlies niet uit het oog hoe
oneindig groot, heilig en goed de Heer is, in wiens
koninklijke tegenwoordigheid gij het geluk hebt u
te bevinden. Bedenk wie hij is, en wat gij zijt,
en wat er van u zou gekomen zijn, indien hij geen
medelijden met u gehad, u niet verdedigd, bemind
en gezegend had. Overweeg hoe gij in zijne oogen
niet de minste verdienste bezit en hoe ondankbaar
gij u betoont voor de weldaden, welke gij hebt
ontvangen, en bewaar uw hart kalm in nederig-
heid, met kinderlijk vertrouwen op de oneindige
liefde en barmhartigheid van onzen Heer Jesus,
wiens heilig hart geheel brandt van welwillende
-ocr page 21-
18
liefde tot u. Vraag hem daarom gedurende het
uur, waarin gij hem in het Allerheiligste Sak ra-
ment moogt komen aanbidden, dat hij u moge
verlichten, genezen en u den afgrond uwer ellende,
uwer nietswaardigheid, de grootte uwer zouden,
uwer ongetrouwheid moge doen kennen, en u
zijne genade verleenen om u te overwinnen en te
beteren.
7.     Geestelijke personen zullen wel doen, indien
zij een gedeelte van het biduur wijden aan de-
ernstige overweging van het bijzonder onderwerp
en de heiligheid van hunne (luie; zij moeten zich
dan ook onderzoekeu omtrent het nakomen van
hunnen bijzonderen regel en omtrent al wat hun
geestelijk gedrag en hun inwendig leven betreft;
zij moeten den Heer bidden, dat hij hun het be-
grip en de beoefening dier evangelische deugden
en waarheden schenke, welke in dien ordesregel
zijn vervat. Deze oefening zal hen opwekken tot
een heilig berouw, een diepen ootmoed en ernstige
voornemens.
8.     Indien gij u in de tegenwoordigheid van
uwen goddelijken Koning in het Allerheiligst Sa-
krament bevindt, moet gij u altijd herinneren,
dat gij lol den Heer spreekt, die oneindig rijk
en goed is, die gaarne wordt aangeroepen, dewijl
hij geheel en al liefde is, en die altijd gaarne
-ocr page 22-
14
geett en schenkt. Smeek Hem dan, dat hij u zijn
geest geve, den geest van diepen ootmoed, van
vrijwillige onderwerping en vernedering; den geest
van volmaakte gehoorzaamheid, van nauwkeurig
opvolgen van uwe levenspligten; van geheeleover-
geving aan zijne barmhartigheid en volkomen zelf-
verloochening; den geest van geheele zelfopoffering
zelfs in de geringste zaken, van eene edelmoedige
onverschilligheid voor eer en aanzien en genegen-
heid van de schepselen: den geest, die eene groole
achting en eene volmaakte liefde, inwendig en
uitwendig, tot het kruis instort en die de ziel
er toe brengt om een leven van inspanning en
opoffering te leiden, om niets anders te verlan-
gen dan (ïod te behagen, te eeren en te dienen
en zijne goddelijke glorie bovenal te zoeken; den
goeilen geest, die de ziel brengt tot zuiverheid
van nieening in elke daad en tot opregtheid en
eenvoud in handel en wandel, met eene volmaakte
liefde tot het verborgen leven.
Dit is de geest van onzen Heer Jesus Christus,
die met de meeste vrijgevigheid door Hem wordt
geschonken aan ieder die bet Hem zal vragen,
vooral in de kostbare oogenblikken dat hij Hein
in het allerheiligste Sakrament aanbidt. Hij laat
die ziel, met kinderlijke liefde en met volkomen
vertrouwen tot hem gekomen, nimmer ongetroost
of niet ledige handen uit zijne tegenwoordigheid
-ocr page 23-
15
gaan. Beschouw u zelven dan aan de voeten van
Jesus in dit Aanbiddelijk Sakrament als eene kleine
slecht voorziene lamp, die uit gebrek aan olie
niet goed brandt. Vraag van Jesus in dit Aanbid-
delijk Sakrament, dat hij u de olie der heilige
deugden, de levende vlam zijner liefde moge
geven; verklaar in zijne tegenwoordigheid uit ge-
heel uv hart, dat gij voor Hein alleen met de
moeijelijkheden des levens wenscht te worstelen en
daardoor verteerd te worden, gedurende een leven,
dat eene navolging zal zijn van het leven des lleeren
op teze aarde, dat hij geleden heeft voor de glorie
van zijnen eeuwigen Vader, en ter uwer liefde, en
da! Hij nu leeft in het goddelijk Sakrament, —
Int leven van nederigheid, van gehoorzaamheid,
van opoffering, van liefde, van onveranderlijke
s:andvastigheid, getrouwheid en vastberadenheid
in het vereeren en verheerlijken van God, Zijn
ieuwigen Vader, terwijl hij woont in dit Sakra-
inent, waarin hij zich vrijwillig gesteld heeft, ten
einde ons deelgenoot te maken van zijne onuit-
.prekelijke schatten en genaden. 0 God! welke
groote, welke overvloedige schatten bezitten wij
niet, verborgen in Jesus in het Sakrament! Tot
welke groote volmaaktheid en heiligheid zullen
wij niet geraken, indien wij een uur van aanbid-
üing dagelijks of dikwijls voor het allerheiligst
Sacrament doorbrengen. Welk vreeselijk berouw,
welk een angstvol oordeel in den dood wacht
I
-ocr page 24-
lli
hem, die in dit leven zulk eene uitstekende ge-
nade beeft laten verloren gaan.
Nader dan nederig en met volharding tot dat
Licht van uw heilig geloof; daar zult gij al de
zoetheid, daar al de vrucht van het Leven in het
hemelsch Manna der aanbiddelijke Eucharistie
vinden.
GEZEGEND ZIJ JeSLS, IN ALLE EEUWIGHEID!
-ocr page 25-
GEBEDEN.
-ocr page 26-
-ocr page 27-
I.
Oefening Tan aanbidding.
Ik kniel neder in uwe tegenwoordigheid, \\er-
heven en aanbiddelijk Sakrament, zeker onder-
pand van liefde, dat mij door een menschgeworden
God bij liet naderen van zijn dood werd nage-
laten. Voor u nedergeworpen met een berouwvol
en vermorzeld hart, doordrongen van gevoelens
van den diepsten eerbied en van de levendigste
godsvrucht waartoe ik in staat ben, aanbid ik in
u o bron van barmhartigheid en van genade,
het ligchaam, het bloed, de ziel en de godheid
van mijn Verlosser, Jesus Christus, eu belijd,
dat zich dria\'r mijn Opperheer, miju Vader en
mijn Schepper, mijn Verlosser en mijn Regter,
mijn Heiligmaker, mijn God, mijn al bevinden.
Ik zou die oefening van geloof en aanbidding elk
oogenblik mijns levens, bij elke ademhaling wen-
schen te kunnen doen; ik zou haar op alle plaat»
-ocr page 28-
20
\'— sen willen doen en met mijn bloed willen teekenen.
Het is mijne meening om die oefening van gelooï
en aanbidding nu voor altijd\' te doen, en ik zou
die willen doen inet die vurigheid, o mijn God,
waarmede de Engelen u hunne aanbidding aau-
biedcu terwijl zij, bevende van eerbied, hun aan-
gezigt tot den grond nederbuigen eu onophoudelijk
herhalen: Heilig, Heilig, Heilig! Mijn geest kan
geen gedachten, mijn hart geen gevoelens, mijne
tong geen woorden voortbrengen om mijne onbe-
grensde verplichting uit te drukken jegens uwe
oneindige goedheid. Daarom noodig ik den hemel
en de aarde, de Heiligen, de menschen en al de
schepselen uit, om u te aanbidden, te zegenen en
te loven. ) Wat mij aangaat, die uwe arme dienaar
ben, behandel mij gelijk het aan zulk een grooten
God als gij zijl voegt; neem met goedheid dit
biduur aan dat ik begin; stort uwe genaden over
mij uit, bevestig mijne voornemens. Verdrijl mijne
duisternissen noot uw goddelijk licht: bedaar de
gejaagdheid mijns harten, door er uw zoeten
vrede in uit te storten; bevrijd mij van alle schul-
dige gehechtheid aan de schepselen; geef, in één
woord, dat dit uur in mij al de deugden en bij-
zonder de goddelijke lielde herlevendige, te meer
dewijl ik u hier bezoek in een staat, die een Uod
van lielde openbaart. Al te gelukkig zal ik zijn.
indien uwe barmhartigheid mij in dit uur een
zegen zal doen verkrijgen, die liet onderpand zal
-ocr page 29-
21
wezen van den zegen, welke ik voor het uur Tan
mijn dood hoop: den zegen van het eeuwige leven!
Oefening van berouw.
0 goede Jesus! onder zooveel zielen, die bij deze
gelegenheid voor u verschijnen, is er zeker geene
die zóó beladen is met ongeregligheden als ik het
ben. Welk uwer geboden heb ik niet overtreden ?
Welk uur mijns levens heb ik mij niet met eenige
zonde besmet? Ik moet dus dit uur van aanbid-
ding (dit bezoek) beginnen met u vergiffenis te
vragen. Ja, vergiffenis, mijn zoele Jesus, vergif-
fenis voor mijne talrijke zonden! Geel mij daar-
over eene opregte droefheid, eene levendige
droefheid, eene droefheid die mij het hart ver-
brijzelt. Ik verfoei mijne zonden, niet zoozeer
omdat ik daardoor den hemel verloren, niet omdat
ik de hel verdiend heb, of omdat ik mij tijdelijke
straffen op den hals heb gehaald; maar ik verfoei
ze alleen uit liefde tot u, dewijl zij u beleedigd heb-
ben, u, de oneindige Goedheid, die eene oneindige
liefde waardig zijt! Ik zou mijne ongeregligheden
met dien overgrooten haat willen baten, welken
gij zelf in uw lijden en in uwen dood daartegen
hebt gehad. Ik maak dan ook het vast voornemen
-ocr page 30-
22
om boetvaardigheid te doen zooals gij liet verlangt,
om u nooit meer willens en wetens en met opzet
te beleedigen, noch door doodzonde, noch door
dagelijksche zonde. Ik verlang mij van ganscher
harte tot u te hekeeren, gelijk zooveel zondaars
en zondaressen gedaan hebhen, met wier berouw
ik het mijne vereenig; doordrongen van een opregt
berouw, roep ik met hen uit: Barmhartigheid,
o mijn Jesus! medelijden en barmhartigheid!
-ocr page 31-
23
Bid den Miserere of den De profundis ,
of, in plaals van dezen psalmen, drie-
maal het
Onze Vader, Wets gegroet
en Eer zij den Vader, ter eere van
de heiliqe boetelingen Petrus, Augustimts
en Maijdalena.
Psalm 50.
Ontferm u mijner, o God,
voljrenj awe groote barmhar-
tigheid.
En wisch, volgens de menigte
uwer barmhartigheden mijne
boosheid uit.
Wasch mij meer en meer van
mijne ongeregtigheid, en reinig
mij van mijne zonden.
(Ik hoop, o mijn God, dat (jij
mij die r/enade zult verleenen,)
want ik ken nu mijne ongereg-
tigheid, en ik heb mijne zonde
altijd voor oogen
Voor u alleen heb ik gezon-
digd: ik heb het kwaad voor
uw aanschijn gedaan; vergeef
mij, Heer, opdat men erkenue
dat gij uw woord gestand doet,
(dat gij getroute, zijt aan mee be-
U/ie ran dengene te zullen ver-
neven, die een waar berouw zal
Miserere mei, Deus,
secundum magnam mise-
ricordiam tuam.
Et secundum multitu-
dinem miserationnm tua-
rum: dele iniquitatem
meam.
Amplius lava me ab
iniqnitate mca: et a pec-
cato mco munda me.
Quoniam iniquitatem
meam ego cognosco, et
peccatum mcum contra me
est i-emper.
Tibi soli peccavi et rca-
lum coram te feci: ut jus-
tificcris in sermonibus tjis,
et vincas cuin judicaris.
-ocr page 32-
24
gevoelen van u beleediijd te heb-
ben,)
en gij aldus zult zegevieren
indien gij beoordeeld wordt.
{Ontjerm u mijner.) Want zie
(ik ben zwak;) ik ben in ou-
geregtigheid gevormd, en in
zonde heeft mijne moeder mij
ontvangen.
(Zuiver mij;) want gij hebt
altijd de waarheid (en de regt-
vaardigheid)
bemind, en gij
hebt mij (zelfs) de geheimen
en de verborgenheden uwer
wijsheid geopenbaard.
[•Ja, mijn God,) gij zult mij
met hysop besproeijen, en ik
zal gezuiverd worden; gij zult
mij wasschen, en ik zal witter
worden dan sneeuw.
Gij zult aan mijne ooien
woorden van barmhartigheid en
genade doen hooren,die mijnihart
troost en vreugde (zullen) geven j
en mijne beenderen (die verbrij-
zeld zijn van smart en vernederd)
zullen van vreugde trillen.
Wend (dan) uw aanschijn van
! mijne zonden af: en wisch al
j mijne ongeregtigheden uit.
Schep in mij, o God, een
zuiver hart, en vernieuw in mijn
binnenste den geest van gereg-
tighcid.
Verwerp mij dan niet uit uwe
i tegenwoo\'digheid:enneemuwen
Heiligen Geest niet van mij weg.
I Geef mij (integendeel) de
Ecce enim in iniquita-
tibus conceptus sum, et
in peccatis concepit me
mater mca.
Kcce enim vcritatem di-
lexisti: incerta et occulta
sapientiae tuae manifes-
tasti inilii.
Asperges me hyssopo,
et mundabor; lavabis me,
et super nivem dealbabor.
Auditui mco dabis gan-
dium et Uetitiam, est exul-
tabunt ossa humiliata.
Averte faciem tuam a
peccatis meis, et omnes
iniquitates meas dele.
C\'or mnndum crea in me,
Deus, et spiritum rectum
innova in visceribus meis.
Ne projicias me a facie
tua, et spiritum sanctum
tuuin ne auferas a me.
Keilde milii laetitiam
-ocr page 33-
2.->
vieugde van uwen heilzamen
bijstand weder; en bevestig
mij door (mij) een geest van
kracht (te schenken die mij
belet om te hervallen.)
Ik zal (dan) den boozen uwe
wegen leeren, i ik zal hun lerren,
(fat gij vol goedheid en barmhai"
tighcid ztji
.•) en de goddeloozen
zullen zich tot u bekeeren.
Verlos mij (dan\'\', o mijn God,
God mijner zaligheid, van de
wraak die liet bloed reept,
(dat ik onreglvaardig vergoten
heb;)
en mijne tong zal uwe
regtvaardigheid door vruugde-
zangen vieren.
Gij zult aldus mijne lippen
openen, en mijn mond zal uwen
lof verkondigen.
Want indien gij een offerge-
wild hadt (ter voldoening voor
mijne zonden,\\
ik zou het u
ongetwijfeld hebben opgedra-
gen, maar de brandoffers
(welke ik u zou aanbieden) zou-
den u niet welgevallig zijn.
Ven bedrukte geest is het
oft\'cr (van den zondaar) dat aan
God behaagt; een vermorzeld
en verootmoedigd hart zult
gij, o God! niet versmaden.
(Zoo is het mijne, Heer.) Be-
handel Sion (dus) met goeder-
tiertuheid volgens uwen goeden
wil, en u-reek u niet op haar
over de zonden die ik begaan
salutaris tui, et spiritu
principali confirma me.
Docebo miquos vias
tuas, et impii ad te con-
vertentur.
Libera me de sanguini-
bns, Deus, Deus salutis
mea:, et exultabit lingua
mea justitiam tuam.
Domine, labia mea ape-
ïies, et os mcnra annun-
tiabit laudem tuam.
Quoniam si voluisses
sacriliciuro, dedissem uti-
que: belocaustis non de-
lectaberis.
Sacrificium Deo spiritus
contribulatus: cor contri-
tum et humilatum, Deus,
non despicies.
Benigne fac, Domine,
in bona voluntato tua.
Sion: ut aedificentur muri
Jerusalem.
-ocr page 34-
2(i
heb: doe haar nog de gevolgen
uwer goedheid ondervinden,
op-
dat de muren van Jerusalen»
mogen gebouwd worden, (en
men daar een tem/iel stichte in
welken gij aangebeden tvordt).
Dan zult gij de offerande
der regtvaardigheid, de dank-
en brandoffers aannemen ; dan
zal men kalveren (als dank-
offers)
op u altaar slagten.
Eer zij den Vader, en den
Zoon, en den Heiligen Geest.
Gelijk het was in den be-
ginne en nu en altijd, en in de
eeuwen der eeuwen. Amen.
Tune acceptabis sacrifi-
cium justitia;, oblationes
et holocausta; tune im-
ponent super altare tuum
vitulos.
Gloria Patri, et Filio,
et Spiritui Sancto;
Sicut erat in principio
et nunc et semper, et in
saecula saeculorum, Amen.
Psalm 129.
Uit de diepten (ean den aj-
grond waarin mijne zonden mij
gedompeld hebben,)
heb ik tot
u geroepen, Heer: Heer, ver-
hoor mijne stem.
Laat uwe ooren luisteren
naar de stem van mijn gebed.
Indien gij (strenge) reken-
schap vraagt van onze ongc-
regtigheden, Heer: Heer, wie
zal er bestaan?
Maar (ik dur f mij tot u wen-
den),
dewijl gij vol barmhartig-
heid zijt, en om uwe wet (die
mij tot vertrouiven opwekt,)
heb ik op u, Heer gehoopt.
De profundis clamavi
ad te, Domino: Domino,
«xaudi vocem meam.
Fiant aures tuae inten-
dentes : in vocem depre •
cationis mcae.
Si iniquitates observs-
veris, Dominc: Domine,
quis sustinebit?
Quia apud te propitia-
tio est, et propter legem
tuam sustinui te, Domine.
-ocr page 35-
27
Sustinuit nnima mea in
verbo ejus: speravit anima
mea in Domino.
A custodia matutina
usque ad noctem, speret
Israël in Domino.
Quia apud Dominum
misericordia, et copiota
apud eum redemptio.
Et ipse redimet Israël,
ox omnibus iuiquitatilms
ejus.
Gloria Patri, etc.
Mijne ziel heeft haar ver-
trouwen gesteld in zijn woord;
mijne ziel heeft op den lieer
gehoopt.
Dat Israël op den Heer
hope van den morgen tot den
nacht.
Want bij don Heer is barm-
hartigheid. en bij hem is over-
vloedige verlossing.
En hij zal Israël verlossen
uit al zijne ongcicgtigheden.
Eer zij den Vader, enz.
Gebed om deu aflaat te verdienen.
.lesus, mijn Verlosser, ik weet en ik geloof,
dat gij iu uwe goedheid aan uwe Kerk den rijken
schat der aflaten ten gunste der geloovigen hebt
geschonken. Ik weet dat Zij bij deze gelegenheid
van dien geestelijken rijkdom uitdeelt aan degenen,
die u, in de vereischte gesteldheid, komen aau-
bidden, terwijl gij op het altaar zijt uitgesteld,
indien zij bidden volgens hare meeniug, dat wil
zeggen: voor de bekeering der ongeloovigen, voor
den terugkeer der ketters in haren schoot, voor
de bekeering der zondaren, voor de verheffing
van den christen naam, en voor andere even uit-
-ocr page 36-
28
stekende doeleinden. Voor deze ineeningen wil ik
dit uur bidden, ten einde, zooals ik hoop, de allaten
te verdienen.
Ik wensen dat zij op mijne ziel mogen toege-
past worden, ter voldoening voor den tijdelijke
voor mijne zonden verschuldigde straften, en ik
wensch tot hetzelfde doel al de andere allaten te
verdienen, welke de Opperherders hebben verbon-
den aan de bijzondere gebeden, die ik gedurende
dit uur zal storten.
Indien men de aflaten wil toepassen op de zielen
in het vagevuur zegge men :
Mijn Jesus, indien ik de ailaten inogt verdienen,
ofler ik ze op voor de lafenis der overledenen,
voor welke ik uit regtvaardigheid, uit dankbaar-
heid of uit liefde, bijzonder verpligt ben te bidden;
gewaaidig hen aan te nemen ter kwijtschelding
liarer schuld; verhaast het oogenblik van hare
verlossing uit de vlammen des vagevuurs en hare
intrede in het Paradijs.
Door de volgende gebeden, kan men voldoen
aat> de meeningen, welke de Opperherders, bij het
voleenen dtr aflaten aanbevelen.
Gebeden voor de behoeften der Kerk.
Heer, ik beveel u de heilige Kerk, uwe bruid
-ocr page 37-
29
en onze moeder, aan. Gedenk dat gij uw bloed
voor haar gestort hebt. opdat zij onbevlekt en
ongekrenkt zou zijn. Gewaardig u haar te zui-
veren en te heiligen, en verwijder daarom uit haren
boezem aller ergernis en alle zonden. Gedoog
niet dat zij veracht of verlaagd worde. Rigt haar,
bestuur haar, verhef haai in de oogen van al de
natiën, en verbreid haar over de geheele wereld.
Ut exlesiam tiiarn tanctum reyen; et eonsereare digiw
ris. te rogamus. audi nos.
Onze Vader. Wees gegroet. Eer zij den Vader enz.
Heer. heb mededoogen met het christenvolk. Dat
behoort tot het veld, waarop gij en uwe Apostelen
de evangelische leer hebt gezaaid; maar zie, die
algemeene vijand is daarop overal de verdeeldheid
van duizende dwalingen komen verspreiden 0!
hoeveel volken, hoeveel rijken zijn besmet door
ketterij! En wie zou dan in staat zijn om dat
onkruid uit te roeijen, \'t welk hoe langer hoe
meer het zaad der waarheid verstikt? Wie zou
het kunnen doen, zoo niet gij, die almagtig zijt?
Verneder dan den hoogmoed der ketters, die
uwe Kerk verontrusten, en geef dat de volken,
van alle dwaalleer bevrijd, zich met u door een
levendig geloof mogen vereenigen, en zich in
niets meer verwijderen van hetgeen de Kerk ons
te gelooven en te doen voorstelt. Ut unimicot
-ocr page 38-
3*0
sanctac Ecclesiae humiliaire digneris, te rogamus,
lllllli HOS.
Onze Vader. Wees gegroet. Eer enz.
Heer, toen gij op de wereld zijt gekomen, hebt
gij den vrede op aarde gebragt en dien door den
mond der Engelen aan de menschen verkondigd.
Ach! hoezeer hebben wij dien vrede niet noodig,
nu het schijnt dat de christenen zich van hunne
wapenen niet meer kunnen bedienen dan om
hunne broeders te bestrijden! Vredelievende Ko-
ning. verspreid onder de christen vorsten den geest
van eenheid en eeudragt; verzoen hen met cl kan -
der zóó, dat zij van harte vereenigd door de
banden der christelijke liefde, gemeenschappelijk
de katholieke Godsdienst tegen al hare vijanden
beschei ineD, en hunne onderdanen heilig besturen.
Ut regibus et priticipibus Christiams pacum et veram
coticordiam donare digneris, te rogamus, audi nos.
Onze Vader. Wees gegroet. Eer enz.
0 Jesus. opperste en eeuwige Herder, ik beveel
u uwen Plaatsbekleeder op aarde, onzen opper-
herder aan. Bestuur hem zelf, verlicht hem, ver-
sterk hem, bescherm hem, sta hem bij, opdat
hij de Kerk met wijsheid besture.
V. Laat ons bidden voor onzen Paus N.
R, De Heer beware hem en bescherme zijne
-ocr page 39-
31
dagen, make hem zalig op aarde, en levere hem
niet aan den wil zijner vijanden.
V. Oremus pro Pontifice nostro N.
R. Domiuus conservet eum, et vivihcet eum
et beatum faciat eum in terra, et non tradat eum
in animam inimicorum ejus.
Onze rader. Wees gegroet. Eere enz.
Bij deze gebeden voege men ter eer van den
Heiligen Geest dezen
H y 111 n u s.
Bij zijne breve van 26 Mei 1796, ver-
leent Paus Pius VI aan al de gelocvigen,
die den Hymnus
Veni Sancte, Spi-
ritus, een of tweemaal daags, in \'t
latijn of in eenige andere taal, voor de
gewone intenliën der Kerk, zullen bidden,
een volle aflaat eens in de maand,
op een dag naar verkiezing, mits zij
vervolgens te biechten en te communie
gaan;
— bovendien 300 dagen aan dege-
nen, die Item, als boven, zullen bidden
op Pinks\'erdag en gedurende het octaaf,
—
en eindelijk 100 dagen telken maal als
-ocr page 40-
32
men den Hym
lijden. Al di
toegevoegd aan
Veni, Sancte Spiritus.
Kt eniitte coeliius
Lucia tuic radium.
Veni, Pater paupcrum,
Veni, dator maneram,
Veni, linnen cordium,
Consolator optiroe
Dulcis lios|ies anima:,
Dulce refrigerium,
In labore requies,
In «stu tempcries,
In fletn solatium.
O Lux beatissima,
Reple cordis intima
Tuoruni fidelium.
Sine tno iinmine
Nihil est in homilie,
Nihil est innoxium.
Lava, quod est sordium:
Riga, quod est aridnm:
San si, quod est saucium,
Flecte, quod est rigidum:
Fove, quod c>t frigidnm:
Rcgc: quod est devinm
Da tuis fidelibus
In te conlidentibus
Saerura septenarium.
Da virtutis meritum:
Da salntis exitnm:
Da perenne gaudium.
Amen.
mis zal bidden op andere
ze aflaten kunnen worden
de overledene geloovigeu.
Kom, Heilige Geest, doe een
straal van uw licht uit den
Hemel op ons nederdalen.
Kom, Vader der armen kom
gever van alle goede gaven,
kom, licht der harten
Volmaakte trooster, zoete
gast der ziel, haar zoete ver-
k wikking.
In den arbeid zijt gij onze
rust, in de hitte onze verfris-
sing, in droefheid en tranen
onze troost.
O gelukzaligst licht! vervul
het binnenste van de harten
uwer gcloovigen.
Zonder uwe hulp is er niets
in den mensch, is er niets
zuivers.
Wasch ons van alle smet,
besproei wat dor is, genees al
^at lijdt.
Maak onze hardvochtigheid
week, verwarm onze koude,
rigt onze verdoolde stuppen.
Verspreid uwe zevenvoudige
gaven over uwe geloovigen die
hun vertrouwen in u stellen.
Verleen hun de verdiensten
der deugd, een zalig uiteinde
en de eeuwige vj-eugde.
Amen.
-ocr page 41-
33
Eereboete.
O mijn God! men zou op onze dagen deze
wooi den van den profeet wel kunnen toepassen:
Mensa Domini despecta est 1): «De tafel des Heeren
wordt geminacht." Hoeveel onverschilligheid en
ondankbaarheid bestaat er niet ten uwen upzigte.
o Jesus! die u yewaardigt in ons midden te wo-
nen! Hoeveel oneerbiedigheden tegen uwen ;<an-
biddelijken persoon! Hoeveel achteloosheid in
u»e dienst! Hoeveel beleediging en heiligschen-
nis van wege de ongeloovigen, de ketters, maar
ook nog van zooveel slechte christenen, in de
kerken, gedurende de Heilige Mis, en aan de
Heilige Tafel! Daar zullen er altoos en overal
gevonden worden, die u met hoon en smaad over-
laden, aanbiddelijke Verlosser; en gij zoudt niet
eeuige getrouwe zielen vinden, die, zooveel in
haar vermogen is, wenschen deze oneer te her-
stellen en u die te vergoeden door eene hulde
van aanbidding, van lof, van eerbetuiging ? Aan-
gespoord door het vurig verlangen om zooveel
ongeregtigheid goed te maken, kom ik mij voor
uwe voelen nederwerpen, ten einde u in het aan-
schijn van den hemel en de aarde herstel van
eer te brengen, voor al de oneerbiedigheden en
1) Malach. 1 : 7.
2
-ocr page 42-
34
al de heleedigingen. welke gij op onze altarti\',
in onze tempels, op onze openbare plaatsen en in
onze huizen ontvangt. Met een diep verootmoe-
digd liart, vraag ik u duizend en duizendmaal
vergiffenis voor al die onwaardige daden. 0 mijn
Jesus. waarom kan ik al de plaatsen niet met
mijne tranen besproeijen en met mijn bloed af-
wasschen, waar uw heilige naam zoo afgrijselijk
beleedigd en waar het onderpand uwer liefde
met zulk eene buitensporige minachting bejegend
wordt! Waarom kan ik zooveel heiligschennis
niet herstellen door eerbewijzingen, vernederin»
gen en lofuitingen van eenigen nieuwen aard!
Waarom heb ik op dit oogenblik niet de harten
van al de Heiligen in mijne magt. om door het
offer, dat ik u daarvan zou doen. de ongevoelig"
beid te vergoeden van al degenen die u gekend,
doch niet bemind en geëerbiedigd hebben!
Maar de gedachte is mij vooral zoo bitter, o
beminnelijke Verlosser, dat ik zelf onder het ge-
tal dier ondankbaren geweest ben. Gij kent ze,
gij hebt ze gezien, mijne oneerbiedigheden, mijne
versmadingen, mijne ondankbaarheid. Heb me-
delijden met mij, en vergeef mij zooveel overtre-
dingeu en beleedigingeu. Neem. als eene onbe-
duidende vergoeding, het gebed aan dat ik doe,
en maak werkdadig door uwe genade het ver-
langen dat ik heb, en het voornemen dat ik vorm
van niets te verzuimen om u op alle mogelijke
-ocr page 43-
,)
35
wijzen te vereeren, gij, mijn Koning en mijn
Verlosser, dien ik wezenlijk geloof in deze aan-
hiddelijke Hostie tegenwoordig Ie zijn, en aan
wien ik mijne verzuchtingen, mijne aanbidding,
mijn smeekgebed en mijne belofte aanbied.
Bid vijfmaal Onze Vader. Wees gegroet en Eer,
en herbaal na elk Eer zij den Vader enz., drie-
maal het volgende schietgebed:
• Lof en dank zij elk oogenblik gebragt aan het
allerheiligst en allergoddelijkst Sakrament."
Aflaat van 100 dagen telken dage eens
te verdienen voor al degenen, die met gods-
vruc/tt dit schietgebed zullen bidden ter eert
van het Heilig Sakrament;
300 dagen
al de donderdagen des jaar-i en alle dagen
gedurende liet octaaf van H. Sakraments-
dag, als men het driemaal op die dagen
bidt; en eindelijk een vollen aflaat op
een dag in de maand naar verkiesing, voor
al degenen, die het gedurende een maand
dagelijks gebeden hebben, dan te biechten en
te Communie gaan en bidden volgens de mee-
ning der Heilige Kerk.
— Al die aflaten zijn
toe te voegen aan de zielen in het vagevuur.
-ocr page 44-
Mi
Oefening Tan liefde van God voor de
weldaden der natuur.
U mijn Jesus! wie zou u niet liefhebben, als hij
het oog vestigt op de weldaden der natuurlijke
orde. met welke gij ons overladen hebt! Indien
ik de oogen wend naar de zigtbare dingen, hoe-
veel verpligting ontdek ik daarin dan niet om u
liet te hebben! Heb uwen God liet, zoo spreken
de hemelen tot mij, terwijl zij, om zoo te zeggen,
zooveel schitterende zonnen boven mijn boold
doen rondwentelen als er sterren aan hel uitspan*
sel zijn. Heb uwen God lief, roep de aarde mij
toe, die met zooveel planten eu bloemen ver-
sierd is, waarvan de ecnen tot mijn nut, de an-
deren tot mijn genoegen dienen. Heb uwen God
lief, herhaalt het heelal, vervuld met zooveel
schepselen, de eenen redelijk van wie ik raad
en hulp kan ontvangen, de anderen van rede
beroofd en voor mijn voordeel, mijne verligting,
of mijne behoeften gemaakt. Heb uwen God lief,
zegt mij dit ligchaam, dat 700 goed gebouwd is
en zulke een goede gezondheid geniet. Heb uwen
God lief, zegt mij die met verstand begaafde ziel,
welke mijne ledematen doet leven en bewegen. Heb
uw God lief, zeggen mij én bet kleed dat mij
dekt en mij beschermt, én het dagelijksche voed-
sel dat mijne krachten herstelt, én de avond van
den dag. én de rust van den nacht, én het goed
-ocr page 45-
/
37
rrv\'-\'-v \'.\'\'•.
gelukken mijner zaken, én de geoorloofde uitspan-
ningen kin vriendenkringen, én een aangenaam
gezelschap. Kortom, al de weldaden der natuur
noodigeu mij uit om u lief te hebben, o mijn
jjchepper en mijn edelmoedige Bewaarder!
Zooveel uilnoodigingen, het gezigt van zooveel
weldaden, dringen mij tot het besluit om u te
beminnen; en bet is mij van ganscher harte leed,
dat ik zoo lang heb uitgesteld mij aan u te geven.
De liefde, welke gij mij toedraagt, dringt mij,
wekt mij op, spoort mij aan, om niet meer voor
mij zelven, maar voor u te leven. Ja, mijn op-
perste (ioed, ik wil voortaan voor u alleen leven.
Indien ik nog droefheid zal hebben; het zal alleen
zijn over de beleedigingen welke u worden aan-
gedaan; indien ik mij zal verheugen, het zal ziju
over de eer die u wordt bewezen; indien ik
door vrees bevangen zal worden, het zal wf:zen
uit hoofde der gevaren aan welke ik ben bloot
gesteld om u op nieuw te beleedigen. Ik wil
voortaan voor u alleen leven, hetzij ik spreke,
hetzij ik zwijge, hetzij ik handele, hetzij ik ruste,
ik wil u zouder eenig voorbehoud toebehooren,
met lichaam en ziel, dewijl al wat ik bezit, de
viucht van uwe vrijgevigheid is.
Hen biddehel loflied B enedicite en den psalm La u-
date Domi nuni, in sanctis ijus;
— uj men zal.
ter eere run de Heilige Drievuldigheid, zevenmaal hel
Onze Vader, hel \\\\ ees gegroet en het Eer
-ocr page 46-
38
bidden, en daarbij telken reize het volgende Tritngium
roegen.
Trisngrhtm.
C/em.ens XIII en Clement IF hebben
aan al de geloorigen, die de allerheiligste
Drievuldigheid door dit ijebed met een be-
ronwhebbend hart zullen aanbidden, een
aflaat van
10 U dag en verleend welke
driemaal kan verdiend worden op zondag,
op II. Driexuldigheidsdag en eiken dag
van het octaaf
. en eenmaal al de andere
dagen;
— daarenboven een vollen af-
laat, eens in de maand, aan degenen die
deze nefening dagelijks gedurende eene
maand zullen doen, mits zij ie biechten en
te communie gaan, eene Kerk bezoeken en
daar bidden volgens de meening van Z. H.
den Paus.
Heilig, Heilis, Heilig, Heer
God der heerscharen: de aarde
is vol van uwe glorie. Eer zij
den Vader, eer zij den Zoon,
eer zij den Heiligen Geest.
Sanctus, Sanctus, San"1\'
fns, Dominus Deus exer-
cituum: plena est terra
gloria tuii. Gloria Patri,
erloria Filio, glorii S]>i-
ritui Sancto.
-ocr page 47-
39
ren in den vuuroven 1)
t
Werken des Heeren, zegen
allen den lieer: looft hem en
verheft zijne grootheid in al de
eeuwen.
Engelen des Hoeren, zegent
den Ucer: hemele:, zegent den
Heer.
Wateren die boven de heme-
len zijt, zegent allen den lieer:
klachten des Heeren, zegent
allen den Heer.
Zon en maan, zegen den
Heer: sterren des hemels, zegent
den Heer.
liegen en dauw. zegent den
Heer: geesten Gods, zegent
allen den Heer.
Vuur en zomerhitte, zegent
den Heer: koelte en hitte,
zegent den Heer.
Dauw en rijp, zegent den
Heer: vorst en koude, zegent
den Heer.
IJs en sneeuw, zegent den
Heer: nachten en dagen,zegeut
den Heer.
Licht en duisternissen, zegent
den Heer: bliksems en wolken,
zegent den Heer.
Lofzang der drie Kind
Benedicite, omnia opera
Domini, Domino: laudate
et superexaltate cum in
saecula.
Benedicite, Angeü, Do-
mini Domino: benedicite,
eoeli, Domino.
Benedicite, aquae om-
nes quae super coelos sunt,
Domino: benedicite, om-
nes virtutei Domini, Do-
mino.
Benedicite, sol et luna,
Domino: benedicite, stel-
lae eoeli Domino.
Benedicite, omnis im-
ber et ros, Domino: be-
nedicite, omnes spiritus
Dei, Domino.
Benedicite, ignis et
sBstus, Domino: benedicite,
frigus et a;stus, Domino.
Benedicite, rores et
pruiua, Domino: bene-
dicite, gelu et frigus,
Domino.
Benedicite, glacies et
nives, Domino: benedi-
cite, noctes et dies, Do-
roino.
Benedicite, lux et tene-
bra:, Domino: benedicite,
ftilsura et nubes, Domino.
1) Dan. III: 57.
-ocr page 48-
40
Benedieat terra Domi-
num: landet et supercx-
altet eum in saecula.
Benedieite, moutes et
colles, Domino: l>cnedi-
cite, univcrea germinantia
in torra, Domino.
Beuulicite, fontes, Do-
mino: btnedicite, maria
et fliimina, Domino.
Bcnedicitc, cc\'.e et omnia
que moventur in aquis,
Domino: benedieite, oniiics
volui\',; es ooeli, Domino.
Benedieite, omnes bes-
tia: et pecora, Domino:
benedieite, filii hominum,
Domino.
bcnedicat Israël Domi-
num: lauilet et snpcrex
altet eum in saecula.
Benedieite, saeerdotes
Domino, Dom no: hene-
dicitc, servi Domini, I)o-
mino.
Bcnedicitc, spiritus et
animae jnstorniu, Domi-
no; benedieite, sancti et
hnmiles corde, Domino.
Benedieite,           Anania,
Azariu, Misaël, Domiao:
laudntc et superexaliate
eum in saecula.
Benedicamus 1\'atreni,
et Filium, eum Sancto
Spiritu: lademus et supc-
rexaltemus eum in saecula.
Dat de aarde den Heerzegene:
i dat zij hem love en hoogver»
i heffe in de eeuwigheid.
liergsn en heuvelen, zegent
den lieer: al wat op de aarde
groeit, zegent rien Heer.
I
Fonteinen, zegent den Heer:
zeeën en stroomen, zepent den
] Heer.
Walvisechen en al wat zich
\' in de watere: b-weegt, zegent
don Heer: vogelen des hemels,
ze-\'ent allen den Heer.
Wilde dieren en vee, zegent
allen den Heer: kinderen der
menschen zegent den Heer.
Dat Israël den Heer zegene:
dat het hem love en hoog ver-
heffe in eeuwigheid.
J\'riesteren desHeerei:, zegent
den Heer: dienstknechten des
Heeren, zegent den Hoer
Geesten en zielen der regt-
vaardigen, zegent den Heer:
heiligen en nederigen van harte,
zegent den Heer.
Ananias, Azarias, Misarl,
zegent den Heer: looft in ver-
heft hem hoog in alle eeuwig.
heid.
Laat ons den Vader, en den
Zoon, met den Heiligen Geest
zegenen; loven en verheffen wij
hem hoog in alle eeuwigheid.
-ocr page 49-
41
Gezegend zijt gij, Heer, in
het uitspansel des hemels, en
lofwaardig en glorievol en hoog
verheven in alle eeuwigheid.
Bcnudietus es, Dominc,
in firmamcnto coeli: et
lnudahilis, et gloriosus, et
superexallatus in saecula.
Psalm 150.
Laudate Dominum in
sauctis ej\'is: laudate eum
in lirmamento vittutis ejus.
Laudate eum in virtu-
titras ejus: laudate eum
secundum multitudinem
magnitudinis ejus.
Laudate eum in sono
tuba;: laudate eum in psal-
terio et cithara
Laudate eum in tym-
pano et choro: laudate
eum in ehordis et orgatio.
Laudate eum in cymba-
lis ben* sonantbus: lau-
date eum in cyinbalisjubi-
lationis: omnis spiritus
laudet Dominum.
Gloria 1\'atri etc.
Looft den Heer in zijn hei-
ligdom; looft hem gezeten op
den onwankelbarcn troon zijner
magt.
Loofc hem in de uitwerkselen
zijner goddclijko kracht; looft
hem volgens zijne veelvuldige
grootheid.
Looft hem met bazuinge-
scbal: looft hem met de lier
en de harp
Looft hem met trommeL en
iu het koor; loofc hem met
snarenspel en orgeltoon.
Looft hem met welluidende
cimbalen: looft hem met vrolijk
klinkende cimbalen: dat alles
wat ademt den Heer love.
Eer zij den Vader, enz.
Oefening Tan liefde tot öod voor de weldaden
der genade.
Aanbiddelijke Jesus, mijn beminnelijke Ver-
losser, indien de weldaden der natuur mij aan-
sporen om u te
beminnen, hoeveel meer moet
2*
-ocr page 50-
42
dit niet het geval zijn met de weldaden der ge-
nade, welke gij mij verleend hebt, en waarmede
gij niet ophoudt mij te overladen.\' 0 God van
oneindige majesteit, die oneindig magtig, oneindig
heilig zijl! Uit den schoot uws Vaders voorlko-
mende, hebt gij, om mij van de slavernij des
duivels te verlossen, u gewaardigd in den schoot
eener Maagd neder te dalen, in de uiterste ar-
moede geboren te worden, vervolging te lijden,
u door de vlugt aan de wreedheid uwer vijanden
te onttrekken, vervolgens uwe kindschheid en
den bloei uwer jaren door te brengen in eene
geringe werkplaats, met ongeloofelijke inspanning
te prediken, de geweldigste pijnen te lijden, om
eindelijk, aan een schandl.out, in den hevigsten
doodsangst te sterven En zijn al die wonderen
van goedheid en van liefde niet voor mij gewrocht?
Wat meer is. Toen gij naar den hemel moest
terugkeeren. zou uw hart niet voldaan geweest
zijn, indien gij niet op aarde waard gebleven,
om mij op mijn pelgrimstogl te vergezellen, om
mij in mijn laatste uur te troosten, mijne teerspijs
te zijn voor het eeuwige leven, ofschoon gij den
hoon en den smaad wel voorzaagt. dien gij. zelfs
van de christenen, uwe leerlingen, zoudt te
lijden hebben. En hetgeen gij voor mij gedaan
hebt, o mijne liefde, is niet de eenige titel van
mijne afhankelijkheid van u. Ik heb ook de
grootste verpligting aan u voor de gunsten, waar-
-ocr page 51-
43
mede gij niet ophoudt mij lot mijn geestelijk
welzijn Ie overladen: verlichting om liet goede
te kennen, heilzame ingevingen om mij aan te
sporen bet te beoefenen, genade om aan het
kwaad te weerstaan, sakraineulen om mij te ver-
steiken, weder * aardig heden om mij tot inkeer
te brengen. Ik heb gezondigd: gij kondel u wre-
ken. maar gij hebt mij vergilFenis geschonken.
Voor andere zijt gij gestreng geweest, voor mij
altijd barmhartig. Gij hebt niets nagelaten, gij
verzuimt nog niets om mij tot u te trekken.
0 edelmoedigheid! o goedheid! o liefde van een
God voor mij! Hoe moet, hoe kan ik daal aan
beantwoorden? Door u van ganscher harte lief
te hebben, uit geheel mijne ziel, uit al mijne
krachten: Diligam te, Dornini 1); dit is dan ook
mijn onwrikbaar besluit. O! mogt ik u bemin-
nrii. ik zeg niet zooveel als gij mij bemint,
dat is onmogelijk, maar zooveel als ik het vei-
laug. Ik zou. om u te beminnen, de harten van
al de gelukzalige)), met het hart van Maria, de
beminnelijkste aller schepselen, met uw eigen
Hart, o Jesus, dien brandoven der zuiverste liefde,
willen hebben. Ach! geef ten minste dat ik u
met al de vurigheid bemicne, waai toe mijn hart
in staat is! Geef dat ik bet eerste en grootste
t) Psalm.
-ocr page 52-
u
gebod volbrengt\', dat van u te boniinnen: Diliges
Dominum Deum ttium
1). Indien ik liet volbreng,
belooft gij mij bel Paradijs; indien ik bet niet
volbreng, bedreigt gij mij met de hel. Acb!
mijn God. kan er eene afgrijselijker bel zijn dan
die van u niet te beminnen? Is er in den bemel
eene uitstekender belooning dan die van u te
kunnen beminnen? LJVat mij betreft, ik verklaar
plegtig. dat geen belooning en geen straf op mij
zooveel indruk maken als uwe goedheid en uwe
beminnelijkheid/ Daarom ?al ik u tol mijn laat-
sten ademtogt beminnen, met bet vaste vertrou-
wen van u gedurende de gansebe eeuwigheid te
zullen liefhebben. Mijn eenige spijt is. dat ik
te laat ben begonnen met u te beminnen Maar
om den tijd in te balen dien ik verloren heb/7net
de schepselen te beminnen. J om dat verlies zoo-
veel mogelijk te vergoeden, maak ik de intentie
om zooveel oefeningen van volmaakte liefde te
doen, als ik de oogen \'en hemel zal opslaan, en
telkenreize wil ik u tevens al de oefeningen van
liefde aanbieden, die op de aarde en in het para-
dijs tot u worden gerigt, ten einde mijne onge-
voebgheid aan te vullen.
Bid de drie lof zaligen Benedic t ns, Maijni-
jieat en Nunc dimittis, of driemaal hel Onze
i) Matth. XXII:
37.
-ocr page 53-
45
Vader. Wees gegroet
enz. Ier eere van het Hai
liefde te verkrijgen.
Lofzang vim
Bcnedictus         Dominus
Daus Israël: quia vUita-
vit, et fecit redemptionem
f-eblis tuae.
Et ercxit cornn salutis
nobis, in domo David
pucri sui.
Sicut loeutus tst per os
sanctorum, qui a sax-ulo
sunt, prophetarum *jus.
^alutcm ex ininücis
nostris, et de manu om-
nium qtü odemnt nos.
Ad facicndam miseri-
coidiam cuiii patribna nos-
tris, et memorari testamenti
sui sancti:
Jusjnrandnm quod jura-
vit ad Abraham patrem
nostrum, daturum te no-
bio;
Ut sine timore, de ma-
nn iniinieoium nostrorum
liberuti, serviamus illi j
In Bancitat* et justitia
coiam ipso, omnibus die-
bus nostris
Et tu, puer, Fropheta
Altissimi vocaberi: praei-
en Eer zij den Vader
! van Jesus, om de goddelijke
/ ü e h e rins. 1)
Gezegend zij de Heer, de God
Israéls, omdat hij zijn volk\'>e-
zoeht en verlost heelt;
Eu ons ecu hoorn van zalig-
hcid heelt opgerigt, in het huis
van zijn dicuaar David;
Gelijk t.ij gesproken heeft
door den mond van zijne heilige
profeten der vorige eeuwen;
Dat hij ons zou verlossen van
onze vijanden en uit de handen
van allen die ons halen;
Om barmhartigheid te doen
jegens onze vaderen en zijn
heilig verbond te gedenken;
En deu eed diea hij aan
Abraham onzen vader gezwo-
ren h»eft, dat hij ons die ge-
nade zcu geven;
Opdat wij verh st zijnde uit
de hauuen enzer vijanden, hem
zonder vrees zouden dienen; .
n heiligheid en regtvaar-
digheid voor zijn aanschijn,
al de dagen onzes levens.
En gij, kind, zult de profeet
des Allerhoogsten genoemd
i) Luc. Il : 68.
-ocr page 54-
1U
bis enim ante fnciem Do-
mini parare vias ejus:
Ad dnndam seientiam
salutis plebi ejus: in remis*
sionem peccatorum corum;
Por viscera misericordiai
Dei nostri: in tjuibus <i-
sita it nos orietis ex alto;
worden, want jij zult voor het
aanschijn de< lleeren gaan om
zijne wegen te bereiden;
Oin zijn volk de kennis der
zaligheid te, toeven, tot vergitt\'e-
nis hunner zonden;
Door de ingewanden der
barmhartigheid van onzen God,
waarmede hij ons is komen
bezoeken, die nu verschijnt uit
den hooge;
Om degenen die in de dui<-
teniissen en in de schaduwen
des doods zitten te verlichten;
om onze voeten op den weg
van vrede te rigten.
Eer zij den Vader, enz.
IUiminaire his, <uii in
teucbris et in urobra mor-
tis seUent: ad dirigendos
pedes nostros in viam
pacis.
Gl ria Patri, etc.
Lofzang dor Heilige Maagd 1).
Magnificat anima mea
Dominum.
Et exultavit spiritus
mens in Deo salutari men.
Quia lespexit humilit»-
tem ancillai suai ; ecce
enim ex hoc beatam me
dicent omnes generationes.
Quia fecit mihi magna
rjni potens e-t: et sanctum
nomen ejus.
Et misericonlia ejus a
progenie in progenies, timcn-
tibus eum.
Mijne ziel verheft don lieer.
En mijn geest heeft zich vcr-
hengd in God mijn Zaligmaker.
Omdat hij de geringheid zij-
ncr dienstmaagd heeft aange-
zien: want ziet, van nu af
zullen alle geslachten mij zalig
noemen.
Omdat hij, die magtii\' is,
in mij groote dingen heefr ge-
daan, en zijn nanm is heilig.
En zijne barmhartigheid
strekt zich van geslacht tot ge-
slacht uit over degenen, die
hem vreezen.
t) Lnc I- \\r,
-ocr page 55-
47
Hij heeft magtige dingen
door zijnen arm gedaan: hij
lieel\'t degenen die hoovaardig
in de gedachten van hun hart
zijn verstrooid.
Hij heeft de mngtigen van
den troon geworpen, en de
nederigen heeft hij verheven.
Hij heeft de hongerigen met
goederen verzadigd, en de rijken
ledig weggezonden.
Hij heeft Israël zijn dienaar
opgenomen: indachtig zijnde
zijner barmhartigheid.
Gelijk hij tot onze voorvaders
gesproken heeft, tot A braham en
zijn nageslacht in eeuwigheid.
Eer zij den Vader, enz.
Fccit potentiam in bra.
cliio suo: dispersit super-
bos mente corduis sui.
Deposuit potentes de
sede, et exaltavit humiles.
Esurientes implcvit bo-
nis, et divitcs dimUit
inancs.
Suscepit Israël pnerum
suuni, recordatns miseri-
cordiae suae.
Sicut locntus est ad
patres nostros: Abraham
et semini ejus in saecula.
Gloria 1\'atri, etc.
Lofzang van Simeon 1).
Xunc dimittis teivum^
tuum. Domine, secundum
verbum tuum, in pacc.
Qnia viderunt oculi mei
salutare tuum.
Quod parasti ante fa-
cium omnium pojulorum.
Iiiimeu ad revelationem
goitium, et gloriam ple-
bis tuae Israël.
Gloria Fatri, etc.
Nu zult gij, Heer, volgeus
uw woord uwen dienaar in
vrede laten sterven;
Want mij:ic oogen hebben
mijnen Zaligmaker gezien.
Dien gij bereid hel>t voor
het aanschijn aller volkeren.
Om te wezen het licht dat
ilc heidenen verlichten zal, en
de glorie van nw volk Israël,
Eer zij den Vader, enz.
Men kun hier de oefeningen ran tjeloof, Ituutt, \'iejde en
beruutv bidden, < an welke talrijke ajl;ten te re^dienen zijn.
1) Luc. II: 29.
-ocr page 56-
48
Oefening; van liefde tot den naasten.
0 Jezus! o mijn God\' gij alleeu zijt waardig
bemind Ie worden, en intusschen wilt gij, dal ik.
na ii. ook mijn evennaaste zal beminnen; gij
maakt mij daarvan een uitdrukkelijk gebod:
Diliget proximum tuum 1). Ja, ik bemin mijn even-
naaste, en ik zal bem van gansclier harte be-
miuiieu, altijd met betrekking tot u, en om. hem
beminnende, u te beminnen. l)e liefde zal ik
openbaren door mij met u over den evennaaste
te onderhouden; ik zal ze openbaren door de
gevoelens, die ik voor hem aan den dag zal leg-
gen; ik zal het in \'t bijzonder doen door de
lieidewei ken, welke ik ten zijnen opzigte zal
oefenen. Ik beu niet geroepen om (iods Woord
te verkondigen of herder der zielen te zijn; maar
ik ben een geloovig kind der Kerk, en ik gelooi
in \'t bijzonder deze woorden: Reaiptra proximum
secundum vcrtutem tuam
2); dat wil zeggen: help
uwen evennaaste naar vermogen om op te staan.
Indien bel dus ook aan mij bevolen is om, zoo-
veel ik vermag, mijn evennaaste te doen op-
staan: indien liet mij is aanbevolen zorg voor
hein te dragen : Mnndtiiit unicuique de proximo suo\'i):
op welken grond zou ik mij dan ontheven kun*
1; Matlh XXII: 39. — 2) Eccles. XXIX: 7. — 3) Ecclesi.
-ocr page 57-
i
49
nen achten van de verplichting om hem te verbe-
teren ? Eu indien ik het ongeluk had gehad hem
vroeger ergernis te geven, hoeveel te meer zou
ik d.in niet verpligt wezen om tot zijne stichting
bij te dragen ? Overigens, indien God het mij
bevetlt, zal liij mij de middelen daartoe geven.
Leg dan, mijne ziel, zulk een schoon voornemen
ten uitvoer. Aan bloedverwanten, aan vrienden,
aan dienstboden, aan ondergeschikten zullen mijne
raadgevingen ten minste Biet nutteloos zijn en
mijne goede voorbeelden genoegen doen. Neen,
ik wil niet alleen u beminnen, mijn (iod, ik wil
integendeel een goed getal gezellen hebben, die
u met mij, en dank mijne bemoeijingen, bemiu-
neu en zegenen, üp den dag des oordeels zult
gij mij rekenschap viagen van de ligchamelijke
werken van barmhartigheid welke ik zal ver-
waarloos t hebben, bij voorbeeld: als ik de I1011-
gerigeu niet te eten gegeven, de naakten niet
gekleed zal hebbeu, voor zoover mij dat 1110-
gelijk was, en zoo verder. Gij zult mij ook
rekenschap vragen van hel vervullen van de gees-
lelijke werken van baimhartigheid, te weten: ot
ik den evennaaste door mijn goeden raad, mijne
aanmoediging en mijn gebed, het voedsel des
eeuwigen levens en hel kleed der onsterfelijkheid
zal hebben gegeven. Help mij, o mijn Jesus! ik
zal trachten mij ijverig van al die plichten te
kwijten. Ik wil u van ganscher harte beminnen,
-ocr page 58-
50
en, uit liefde tot u, wil ik mijn evennaaste ook
als mij zelveu beminnen, en hem allerhande goed
naar ziel en naar lichaam bezorgen.
0 Maria, Moeder der heilige liefde, neem deze
nietswaardige oefeningen van liefde aan, welke
ik nu in tegenwoordigheid van mijn (iod in het
hoogheilig Sakrament doe. Bied ze hem aan, en
voeg er uwe verdiensten bij. Verkrijg voor mij
dat ik moge branden van liefde voor dien God
die oneindig beminnelijk is, en dat ik mij ook
met liefde en ijver met de taak moge bezig-
houden om mijn evennaaste in al zijne zoo gees-
telijke als lichamelijke behoeften bij te slaan.
Bid de Litanie der Heilige Maagd, om
op //are voorspraak al de genaden ie ver-
krijgen welke gij vraagt. Aan die Litanie
zijne af aten verbonden\'
30 0 dagen telken
reize dat men ze bidt
— daarenboven
voor degenen, die ze dagelijks bidden, een
vollen a/l a a t op de vijf voornaam-
ste feesten der Heilige Maagd: de On-
bevlekte Ontvangenis, Maria Geboorte,
Maria Boodschap, Maria Zuivering en
Maria Hemelvaart, mits men rouwmoedig
-ocr page 59-
51
na gebiecht en gecommuniceerd te hebben,
eene openbare kerk bezoekt en. daar bidt
volgens de intentie van den Pau». Deze
ajlateu zijn toe te voegen aan de overledene
geloovigen.
Litanie der Heilige Maagd.
Kyre, eleison.
Chris te eleison.
Kyie, eleison.
Christe, audi nos.
Christe, cxaudi nos.
Pater de coelis. Deus,
mise:ere nobis.
Fili, redetnptor mundi,
Deus, miserere nobis.
Spiritus sancic, Deus, mi-
serere nobis.
Saneta Trinitas, anus
Deus, miserere nobis.
Saneta Maria,
Saneta Dei genitrix,
Saneta virgo virginum,
Heer, ontferm u onzer.
Christus, ontferm u onzer.
Heer, ontferm n onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God Vader inden hemel, ont-
ferm u onzer.
God Zoon Verlosser <kr wereld,
ontferm u onzer.
God Heilige Geest, ontferm u
onzer.
Heilige Dl ievuldigheid, een
God; ontferm u onzer.
Heilige Maria,
Heilige Moeder Gods,
Heilige Maagd der Maag- I
deu,                                I
Moeder van Christus,         r 2
Moeder der goddelijke ge-,
nade,                                \\ o
Allerzuiverste Moeder, / S
Allerkuischte Moede\',
Ongeschonden Moeder.
Onbevlekte Moeder,
Beminnelijke Moeder,
BewonderenswaardigeMoe-
det,
Mater Cluisi,
Mater divinae grcriae,
Mater purissima,
Mater cas:issima,
Mater inviolata,
Mater intemerata,
Mater amabilis,
> ater adnrirabilis,
3
=
-ocr page 60-
52
Mater Croatoris,
Mater Salvatoris,
Virgo prudentissima,
Virgo veneranda,
Virgo praedicandu,
Virj\'o potens,
Virgo clemens,
Virgo fidelis,
Speculum justitiae,
Scdes sapientiae,
Causa nostra laetitiae,
Vas spirituale,
Vas honorab e,
Vas insigne Uevotionis,
Rosa mystica,
Tunis davidica,
Tnrns eburne«,
Domus aurea,
Foüdeiis uica,
lanua coeli,
Steüa matutina,
Salus infirmorum
Refugium peccatorum
Coneolatrix
         alllict\'>
ru.n,
Auxilium christiauo
ruin,
Begina angelorum,
Kegina patiiarchurum,
Regina prophetarum,
Begina apostolorutn,
Regina martyrum,
Rcgiua conlossoimn,
Regina virginum,
Moeder des Scheppers,
Moeder des Zaligmakers,
Allervoorzigtigste Maaid,
Eerwaardige Maagd,
Lofwaardige Maagd.
Magtige Maagd,
Goedertieren Maagd,
n f trouwe Maagd
Spiegel der regtvaardig
heid,
Zetel der wijsheid,
Oorzaak onzer blijdschap,
Geestelijk vat,
Kerwaardiar vat,
Uitmuntend vat van gods
vrucht.
Geheimzinnige roos,
Toren van David,
Ivoren toren,
Gulden huis,
Ark des Verbonds,
Deur des hemels,
Morgenster,
Behoud der zieken,
Toevlugt der zondaren,
Troosteres der bedrukten.
Hulp der christenen.
Koningin  i\'er ongeler,
Koningin  tier aartsvaders,
Koningin  der profeten,
Koningin  der apostelen,
Koningin  der martelaars,
Koningin  der belijders,
Koningin  der maagden,
\'t
-ocr page 61-
53
Koningin van alle heiligen,
bid voor ons.
Koningin, zonder vlek ont-
vangen, bid voor ons.
Koningin van den II. Rozen-
krans, bid voor ons.
Lam (!ods, dat de zonden der
wereld wegneemt, spaar ons
lieer.
Lam Gods, dat de zonden der
wereld wegneemt, verhoor
ons, Heer.
Lam Gods, dat de zonden der
wereld wegneemt, ontferm
u onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
V. Bid voor ons, heilige Moe Ier
Gods.
R. Opdat wij waardig worden,
de beloften van Christus.
Laat ons bidden.
0 Heer, stort uwe genade in
onze harten opdat wij, die door
de boodschap des engels, de
menschwording vau Christus
uwen Zoon hebben leeren ken-
nen, door zijn lijdon en kruis,
tot de glorie der Verrijzenis
mogen gebragt worden. Door
denzelfden Christus onzen
Heer. Amen.
Regina sanctorum otnni-
um, ora pro nobis.
Regina fine labo conoepta,
ora pro nobis.
Regina Sacratissimi Rosarii,
ora pro nobis.
Agnus Dei, rjui tollis pee-
cata mundi, parce nobis,
Domino.
Agnus Dei, qui tollis pec-
cata mundi, exaudi nos,
Domiue.
Agnus Dei, q;ii tollis pec-
enta mundi, miserere
nobis.
Christe, audi nos.
Christe, exaudi nos.
V. i \'ra pro nobis, saneta
Dei geuitrix.
R. l\'t digni efrieiamur
promissionibis Christi.
Oremus.
Gratiam tuaru, quaesu-
mui, Doraine, mentibus
nostris infunde, ut qui,
angelo nuntiante, Christi
Filii tui incarnationeiu cog-
novimns, per passionem ejus
et crucem, ad rrsurrectionis
gloriam perducamcr. Per
eumdem Christum Domi-
nuiu nostrum. Amen.
-ocr page 62-
r.i
Oefening yan bede.
Zou ik kunnen twijfelen aan uwe gezindheid om
mij alles te verleenen wat ik u (hans vraag, o
Jpsus. die tegenwoordig zijl in het Sacrament der
liefde? Zal Degene, die zich met zooveel vrijgevig\'
held geheel aan mij heeft geschonken en nog schenkt,
mij zijne gaven weigeren? Zal Degene, die mij hel
meerdere heelt verleend, mij het mindere weigeren ?
Ileh ik reden om te vreezen dat Degene die zoo
dikwerf van dezen verheven troon zijner genaden
zulk eene liefdevolle uitnoodiging tot mij rigt. mijne
bede van de hand zal wijzen? Ach! moge ik slechts
door mijne zonden geen beletsel in den weg leggen
a&n uwe edelmoedigheid? Intusschen. hoe onwaar*
diger ik ben om uwe genaden en uwe weldaden te
ontvangen, hoe meer uwe oneindige barmhartigheid
verheerlijkt zal worden door ze mij te verleenen.
Moed dan, o mijne ziel! moed! en, in ooimoed
nedergeknield aan den voet van dezen doorluchtigen
troon, bid, vraag, hoop!
Ja. mijn Jesus, ik rigt mijn smeekgebed met ver-
trouwen tot u, en vooral vraag ik u de vergiffenis
mijner zonden, welke ik bovenal en van ganscher
harte verfoei. Ik vraag uwe hulp en uwe heilige
genade, om u nooit meer te beleedigen. Indien gij
voorzaagt dat ik dit zou doen, dan vraag ik u liever te
mogen sterven; ik smeek u, maak dan een einde
-ocr page 63-
:>r>
aan een leven, dat niet aan uwe dienst zou zijn loege-
wijd. Ik vraag de volharding in het goede, die gaal,
welke mij zoo noodig is. om aan mijne £oede voome-
mens getrouw te blijven. Ik vraag ook de tijdelijke
goederen, die ik gedurende de dagen van mijn pel-
gritnstogt noodig heb, om het leven te bewaren, dal
gij mij gegeven hebt. Ik vraag eindelijk de genade
om tot liet gelukzalig vaderland te geraken, waarloe
gij mij geschapen hebt, waar ik, leerende u be-
ter, oneindig beter te kennen, u met eene zui-
vere liefde, eene heilige liefde, eene eeuwige
liefde zal beminnen, Gelukkig degenen, die in
uw huis wonen en u aldus lielhebben! Ik be-
sluit deze beden en ik vat ze in twee woorden
Milieu: Geef u zelf aan mij, o Jesusl want gij
zijt bet opperste, bet ware, bet eenige goed. gij zijt bet
al van aldeschepselen ; mijn al, dewijl gij mijn God zijt :
mijn al, dewijl gij de grondslag van mijn wezen zijt:
mijn al. dewijl gij rie grond van mijn hoop zijt: mijn
al, dewijl een bedorven wil alleen mij van u zal kun-
nen scheiden : Deus meus, tt omniu. Indien het mij ge-
geven is u te bezitten, dan ben ik gelukkig zelfs op
deze aarde. 0 eenig benijdenswaardige gave! o
God ! hoe wenscht mijne ziel vurig van de banden
des ligcbaams te worden losgemaakt om tot u te
snellen! Ach! verhoor mij door de verdiensten
van het lijden dat gij ter mijner liefde hebt door-
gestaan, en van de wonden welker glorievolle
merk teekenen gij aan de voeten, aan de handen
-ocr page 64-
en aan de zijde behoudt, wonden welke ik diep
vereer.
Bid vijfmaal liet Onze Vader, het We es ge-
groet en het Eer, ter gedachtenis aan de wonden
van den Goddelijken Verlosser, en zeg vijfmaal
Sancta mater, istnd agas [      Maak, o heilige Moeder.dat
Crucifix, fige plagas, I  de wonden vau den cekruisi t-
Corrfi meo valide, j  den Jesus diep in mijn hart
•  mogen gedrukt worden.
Oefening vau dankzegging:.
Mijn ïoete Jesus. ik zou dit uur in uwe aanbid-
delijke tegenwoordigheid niet dezelfde gevoelens
vau geloof en godsvrucht hebben willen doorbrengen,
die Maria, uwe goddelijke Moeder, Johannes, den
welbeminden leerling, en de andere heilige vrouwen
die u op den Kalvarieberg vergezelden, daar deden
blijven, ten einde dezelfde vruchten daarvan te pluk-
ken. Ik zou het hebben willen doorbrengen met
de vurige verlangens te koesteren, welke de Aposte-
len en de andere christenen, die inde eetzaal ver-
gaderd waren, koesterden gedurende de tien dagen,
welke verliepen van Hemelvaartdag tot Pinksteren,
ten einde met hen de volheid van den Heilige Geest
te verwerven. — Ik vraag u vergiffenis voor al mijne
nalatigheid. 0 gij, die het leven en het licht mijner
ziel zijt! 0 gij, die de liefde zelve zijt! vul mijne
-ocr page 65-
r,7
gebrekkige hulde aan, voeg de eene barmhartigheid
bij de andere, en verleen mij de krachtdadige ge-
nade om u altijd in mijn hart gegrift te dragen,
ten einde u steeds in geest en in «aarheid te aau-
bidden, u al de dagen mijns levens getrouw te
dienen, u als teerspijs in het uur mijns doods te
ontvangen, en u eindelijk, als mijne eeuwige be-
looning, in uw rijk te ontvangen. Opdat alles lot
mijn geluk en tot mijne eeuwige zaligheid gedije.
bid ik u. o Jesus, om mij, van den verheven troon
uwer barmhartigheid, uwen hemelschen zegen te
geven.
Bid den Tantum ergo, en ontvang in
verlangen den zegen van het allerheiligst
Sakrament. Paus Pius VII verleent een
aflaat van
100 dagen, eenmaal
daags, aan degenen die den Tantum
ergo en Getiitori met het vers en hel
gebed godvruchtig en rouumotdig zullen
bidden. Die aflaat kan worden toegevoegd
aan de zielen m het vagevuur.
Tantum erso Sacramcn-
tum venereroer ceroui;
Et antiquum documen
novo cedat ritui.
Prsestet fides suplemen-
turn sensuum defectui.
Knielen wij dan nedev en
aanbidden wij dit verheven Su-
crament; dat du oude figuren
verdwijnen voor de wezenlijk\'
heid der nieuwe wet; dat hut
geloof de zwakheid der zintui-
seu te gemoet konie.
-ocr page 66-
68
ücnitori Genitoque laas
et jubilutio:
Salus, hnnor virtus quo-
(|«e sit et bencdictio;
1\'iocedenti ab utroipie
rompar sit laudatio.
Amen.
V. 1\'ancra de coelo pra:s-
titisti eis.
R. (tmne delectamcutum
in se lialientem.
Oremus.
Deus, qui nobis, sub sa-
cramento mirabili, pa*sionis
tua; memoriam 1 eliqnisti:
Iribne, qnffisumus ita nos
corporis et sanguinis tui
eacra mystcria venerari, ut
rcdemptioi\'.es tua; fructum
in nobis jugiter scnt\'amns.
Qui vivis ei rcgues in sae-
oula saeculorum.
Amen.
Glorie, lof en beil. eer magt
en zegen en lofprijzing zij den
Valer en den Zoon, en den
Heiligen Geest, die van den
Vader on den Zoon voortkomt.
Amen.
V. Gij hebt hun het brood
van den hemel geschonk< n :
H. Dat alle verklikking in
zich bevat.
Laat ons bidden.
O God, die ons ecue voor:du-
rende gedachtenis van uw lijden
in bet bewonderenswaardig Sa-
krament der Eucharistie hebt
achtergelaten, geef dat «ij door
een diepe vereering van dit heilig
geheim van uw lichaam en uw
bloed, onophoudelijk de vrueh-
ten van uwe Verlossing mogen
gevoelen. Wij smeeken u dit, o
God, die leeft en heerscht in de
eeuwen der eeuwen.
Amen.
-ocr page 67-
59
Voeg daarbij:
Strek, o mijn Jesus, dien goddclijken zegen,
welken gij mij gegeven hebt, ook uit over de hei-
lige zielen in bet vagevuur: dat hij haar verlichting
scbenke in haar lijden, vertroosting iti hare droef*
beid, eene reden tot vreugde en blijdschap, door
baren overgang van dien duisteren kerker naar
bet verblijf der gelukzaligheid te verhaasten.
Bid daarna het Rozenhoedje, dal is het derde ge-
deelte van den Rozenkrans, ten voordeele der orer-
ledene geloovigen.
BenedictUS XIII heelt 100 dagen
aflaat
verleend voor elk Onze Vader en elk Wees
gegroet,
aan al de geloovigen. die den Kozenkrans
geheel, of ten minste bet derde gedeelte, dat is
het Rozenhoedje van vijl tiendjes met een rouw-
moedig hart bidden — Daarenboven een rollen
aflaat,
op een da;; in het jaar, ter hunner keuze,
aan degenen die het rozenhoedje dagelijks gedu-
rende een jaar zullen gebeden hebben, mits zij op
dien dag te biechten en te communie gaan, en
bidden voor de gewone intenties.
I\'ius IX heelt daarenboven een aflaat \\an 10
jaren en 10 ouadragenen, eenmaal daags te verdie-
nen. verleend aan de geloovigen. die rouwmoedig
liet rozenhoedje met elkander bidden, — en een
vollen aflaat, den laatslen zondag van elke maand
aan degenen, die gewoon zijn het rozenhoedje ten
minste driemaal \'s weeks, onder de gewone voor-
waarden van biechten, communiceeren, eene open-
-ocr page 68-
60
bare kerk bezoeken en daar bidden volgens intentie
yan Z. IL. gezamenlijk te bidden. — Deze aflaten
zijn toepasselijk op de zielen in bet vagevuur.
Om die aflaten te verdienen moet 1°. de Rozen-
krans of het Rozenhoedje gewijd zijn door een
daartoe bijzonder gemagligden priester: en 2°. moet
men, den Rozenkrans biddende, als men daartoe
in staat is, de geheimen van den Rozenkrans over-
wegen.
Bij de aflaten van den Rozenkrans kunnen die
gevoegd worden, welke men die van de heilige
Brigitta noemt en ook zeer aanzienlijk zijn.
Blijde geheimen.
Voor den Maandag en den Donderdag.
1\' geheim. De aartsengel Gabriël boodschapt aan
Maria, dat zij onzen Heer Jesus Christus zal ont-
vangen en baren.
2e De heilige Maagd, vernomen hebbende dat
hare nicht, de Heilige Elisabeth, zwanger was. ver-
trekt haastig om haar een bezoek te brengen en
verblijft drie maanden bij haar.
3" Maria brengt onzen goddelijken Verlosser in
het stadje Betlilehem, in den nacht ter wereld, en
legt hem in eene kribbe.
4= Op dtn dag harer zuivering draagt de aller-
heiligste Maagd Jesus Christus in den tempel op.
en legt hem in de armen van den heiligen grijs-
aaid Simeon.
-ocr page 69-
lil
5". De heilige Maagd, liareu godgelijken Zoon,
twaalf jaren oud zijnde, verloren hebbende, zoekt
hem gedurende drie dagen en vindt he.n in den
tempel terug, zittende onder de leeraars.
Droevige geheimen,
Voor den Dinsdag en den Vrijdag.
1". Jesus bidt in den Olijfhof en zweet bloed.
2». Jesus wordt gegeeseld in bet rechthuis van
Pilatus.
3*. Jesus wordt met doornen gekroond.
4\'. Jesus wordt ter dood veroordeeld, en, om zijne
schande en zijne smart te vermeerderen, belast
men hem met bet inoordtuig.
5\'. Jesus, op den Kalvarieberg gekomen wordt
ontkleed en aan het kruis genageld, waaraan hij
voor de oogen zijner bedroefde Moeder sterft.
Heerlijke geh\'imen.
Voor den Woensdag, den Zaterdag en den Zondag.
1\'. Jesus verrijst glorievol en zegevierend op den
derden dag na zijn dood. om niet meer te sterven.
2°. Veertig dagen na zijne verrijzenis, klimt Jesus
zegepralend ten hemel op. in \'t aanschijn zijner
allerheiligste Moeder, met zijne leerlingen vergaderd.
3. Jesus Christus, Ier regterhand zijns Vaders
gezeten, zendt den Heiligen Geest iu de eetzaal,
waar de Apostelen niet de Heilige Maagd veieenigd
waren.
-ocr page 70-
(i-2
4". Verscheidene jaren na \'s Heeren hemelvaart
gaat de Heilige Maagd uit dit leven en wordt door
de Egelen ten hemel opgenomen.
5\'. De Heiligen Maagd wordt door haren godde-
lijken Zoon. te midden van den glans aller Heili-
gen. gekroond.
Sluit uw bidunr rm-t het Te Deum,
of met driemaal Onze Vader, Wees
g e ff r o e t en Eer, ah dankbetuiging
aan de heilige Drievuldigheid.
Lofzang.
O God, wij loven u, wij be-
lijden dat gij onzer Heer zijt.
Eeuwige Vader, de geheelc
aarde vereert u.
De Engelen, de hemelen en
al de magten;
De cherubyncn en dr scraphy-
nen zingen onophoudelijk ter
uwer ocre den blijden lofzang:
Heilig, heilig, heilig, de Heer,
de l~od der heerscharen.
De hemelen en de aarde zijn
! vol van de majesteit uwer
I clorie.
Het glorievolle koor der Apos»
> telen,
Tc Deum laudam"S, te
Dominum confitcmur.
Te acternum Patrem om-
nis t. rra veneratnr.
Tibi omnes au?eli, tibi
coeli et nniversae potes-
tates.
Tibi cherubim et sera-
phim, incessabilli voce pro-
clamant:
Sanctus, sanctus, sane-
tns, Dominus Deus Sa-
baoth.
Fleni sunt coeli et terra
majestates gloriac tuac.
Te gloriosus apostolo-
rum chorus,
-ocr page 71-
Ü3
Pe doorluclitige menigte der
profeten.
Het schitterend lcrer der mai •
telaren, doet zegezangen tot u
opstijgen
Pe heilige over de gansche
aarde verspreide Kerk lielijdt u.
0 Vader van omzettende
majesteit
I .\\iet uwen waren en eenigen
. Zoon, die dezelfde t-eredienst
! waardig is.
En den Heiligen Geest, den
Vertrooster.
Gij zijt de Koning der glorie,
o Christus.
Gij zijt de eeuwige Zoon des
Vü.lers.
Gij hebt, om den mensch van
de slavernij te verlossen, den
schoot tcner Maagd niet ge-
schroomd.
Gij hebt den prikkel des doods
gebroken en den hemel geopend
aan degenen, die in u geloo-
ven
Gij zit aan de regterhand
Gods, in de glorie des Vaders.
Gij zult als regter komen.
^ij snveken u, kom uwe
dienaren te holp, die gij door
uw kostbaar bloed verlost hebt.
Geef dat wij met uwe heili-
gen de eeuwige glorie mogen
genieten.
Maak u volk zalig, Heer,
Te propbetarum la\'ida-
bilis numerus.
Te martyrum candida-
tus laudat exercitus.
Te per orbem terrarum
sancta contitetur Kcclcsia.
Patrun immensae ma-
jestatis.
Vencranilum tuum ve-
rnm, et unicum Filium.
Sanctum quotme Paracli-
tum Sphitum.
Tu llex gloriae, Christe.
Tu Patlis sempiternus es
Filius.
Tu ad liberandum sus-
cepturus hominem, nou hor-
ruisti Virginis uterum.
Tu, devicto mortis acu-
lco, aperuisti credentibus
regnum caelorum.
Tu ad dexteram Pei
Bedts in gloria Patlis.
Judex crederis esse ven-
turus.
Te ergo quaesumus, tuis
famulis snbveni <iuos pre-
tioso sanguine rcdemisti.
Aetcrna fac cum sauctis
tuis in gloria numeiari
Salvum fac populum
-ocr page 72-
t>4
tuum Domine, et bcncdic
haereditati tuoc.
Et rege eos, et extolle
illos usque in aeteri.um.
Per singulos dies bene-
decimus te.
Kt laudamus nomen tuum
in saeculum, et in saecu-
lum saeculi.
Dignare, Domine, die
isto sine peccato nos ctis-
todiie.
Miserere nostri Domine,
miserere nostri.
Fiat misericordia tua
Domine, super nos quem
admodnm sperarimus in te.
In te, Domii e, speravi,
non eonfundar in aeter-
num.
en zegen u erfdeel
En bestuur hen en ondersteun
hen, tot dat zij tot de eeuwige
glorie geraken.
Wij zegenen u alle dagen.
En wij loven uwen naam in
de eeuwen der eeuwen.
Gewaardigu, lieer, ons dezen
dag zonder zonden te bewaren.
Ontferm u onzer, Heer, ont-
ferm u onzer.
Strek uwe barmhartigheid
over ons uit, Heer, dewijl wij
op u gehoopt hebben.
Op u, Heer, heb ik gehoopt,
ik zal in eeuwigheid niet te-
schaamd worden.
-ocr page 73-
[I.
Andere wijze om het Allerheiligste in het
Bid-uur te bezoeken, enz.
EOEP DEN BIJSTAND VAN GOD IN.
IN DEN NAAM DE8 VADEBS, EN DES ZOONS, EN
DES HEILIGEN OEESTE8. AMEN.
O mijn God, kom mij te hulp en leer mij dit
uur tot uwe glorie en tot voordeel mijner ziel
gebruiken, want zonder uwen bijstand zal ik dezen
kostbaren tijd niet met ijver doorbrengen en mij
aan verstrooidheid schuldig maken.
Deus in adjutorium meun | O God, kom mij te hulp; o
intende Domine ad adju- j Heer, haast u mij te helpen,
vandum me festina. (Ps. :
LXIX .
Confirma me, Domine Versterk mij, o Heer God,
Deus, in hac hora, et hoc I in dit uur, opdat ik datgene
quod credens per te posse j verrigte, wat ik gemeend heb
ricri cogitavi, perficiam. (Ju- \', dat met uwen bijstand kan ge-
dith XIII).
                              daan worden.
3
-ocr page 74-
M
Oefening van geloof iu het Geheim der
allerheiligste Eucharistie.
Ik geloof, dat Jesus Christus in het allerhei-
ligste Sakrament der Eucharistie woont. Verle-
vendig, o God, mijn geloof, opdat het geen zwak
en dor geloof moge zijn, dat niets dan woorden
voortbrengt. Ik gelooi vastelijk, dat onder de
gedaante van brood wezenlijk verborgen is de
Zoon van God, niiju Zaligmaker, dezelfde die, door
de werking van den Heiligen Geest, is Mensen
geworden in den zuiveren schoot van Maria altijd
Maagd, die geboren werd in Rethlehem, die Jesus
Christus genaamd is, en die, na drie en dertig
jaren op deze aarde geleefd te hebben, door zijne
leer en zijn voorbeeld den weg naar het Paradijs
leerende, aan het kruis is gestorven, glorievol op-
gestaan, en opgeklommen is ten hemel, waar hij
gezeten is aan de regterhand van zijn eeuwigen
Vader, van waar hij zal komen om te oordeelen
de levenden en de dooden, en aan alle menseben.
naar gelang huuner werken, de eeuwige glorie of
de eeuwige straf zal geven. Dit alles geloof ik,
dewijl dezelfde Christus mij dit in zijn Evangelie
geleerd heeft en de heilige Kerk mij dit te ge-
iooveu voorstelt: en daarom belijd ik dit vaster
te gelooven, dan wanneer ik met eigen oogen Jesus
van aanschijn tot aanschijn in dit tabernakel zag:
en ik geloof dit zo\'d ontwijfelbaar, dat ik, met de
-ocr page 75-
ÜT
goddelijke hulp, bereid ben om mijn bloed en mijn
leven te geven ter verdediging van dit onfeilbaar
artikel van liet katholiek geloof.
Ja, mijn dierbare Heer Jesus Christus, ik geloof
niet al mijn verstand, met al mijne krachten, dat uw
persoon, uit kracht uwer almagt, hier in dit aller-
heiligst Sakrament tegenwoordig is, waarachtig God
en waarachtig Mensch, geheel en ai. met ziel en
ligchaam, met de ware en wezenlijke zelfstandigheid
uwer Godheid en uwer allerheiligste Menschheid.
Ik verheug mij dat mijne oogen u niet zien: ik
verheug mij dat uwe wonderdadige tegenwoordigheid
mij niet door eenig wonderbaar geluid wordt ge-
openbaard, en dat mijn natuurlijk waaruemings-
vermogen hier geheel en al te kort schiet, dewijl
ik aldus, door de nietigheid van mijn zintuigen en
mijn verstand, u des te beter kan vereeren. Indien
ik niet geloof met al die levendigheid welke gij
verdient, dan bied ik u ter aanvulling van mijne
zwakheid, het heldhaftig geloof aan van uwe groote
heiligen, bijzonder van degenen, die hun leven
hebben gegeven ten getuigenis van de waarheid
van het allerheiligst Sakrament.
Oefening Tan Tcreering en Tan nederigheid
jegens Jesns in het Altaargeheim.
Geloovende dat gij in de heilige Hostie tegeu-
woordig zijt om mij hier te zien en te hooien,
aanbid ik u, en erken u, o Jesus, als mijn Schepper
-ocr page 76-
Ü8
ei mijn Verlosser. En terwijl ik weet dat gij de
God van alle majesteit, van oneindige wijsheid, on-
eindige magt, oneindige goedheid zijt. weet ik ook
dat ik een handvol stof hen, een nietige worm, een
zeer laag en verachtelijk schepsel : nooit kan mijne
onwaardigheid tegenover uwe grootheid laag genoeg
gesteld worden. Voor u beven de serafijnen, be-
dekken de cherubijnen hun gelaat, buigen de en-
gelen zich in onderwerping neder : hoe zou ik\' mij
dan moeten nederwerpen om ten minste eenig tee-
ken vaii die vereering te geven, welke ik u ver-
schuldigd ben! Ik gevoel dat ik mij, uithoofde
mijner ellende, uit uwe goddelijke tegenwoordigheid
zou moeten verwijderen en verbergen, maar gij
hebt mij verzocht tot u te naderen, en gij stort
mij vertrouwen in; hier dan lég ik voor uwe voe-
ten neder, als een ellendige met stof bedekte worm.
Ik ben verheugd dat gij mijn Koning, mijn Opper-
heer, mijn God zijt. en dat ik in waarheid niets
hen, dat ik niets kan doen, dat ik niets waard
ben, dat alzoo de groote glorie uwer majesteit alles
in alles kan zijn. Kom dan. mijne ziel, met al
uwe genegenheden, en aanbid uwen Heer in zijn
Sak ramen t van liefde, en, voor hem nekergeknield.
hef uwen lofzang aan:
Venito arloremus, et pro-        Komt laat ons aanbidden en
•cedamus ante Deum; jubile-    nederknielen voor God; iaat
jnus Deo salutari nostro.    ons jubelen voor God onzen
(Ps. XCIV;.                            Verlosser.
-ocr page 77-
(i!l
Oefening van verlangen eu welbehagen in
de glorie van Jesns.
Ik verlang, o mijn Heer Jesus Christus, die hier
rust, dat al de volkeren tl moge» kennen en ver-
eeren. Laat het voik u belijden, o Uod, laat al
het volk u lofprijzen (Psalm). Schepselen der aarde
en des hemels, ik roep u op om onzen (iod in het
allerheiligst Sacrament te prijzen, te aanbidden, te
zegenen. Gij allen, werken des Heeren, zegent den
Heer, prijst en verheft hem bovenal voor eeuwig.
(Dan. 111 : 57).
Maar vooral, o mensch geworden God, die hier
in het Sacrament woont, verheug ik mij, omdat gij
in u zelveu groot eu glorievol zijt, mets noodig
hebt, eu alleen u zelven ineer met glorie kunt
voldoen dan u door de geheele schepping kau ge-
geven worden; intusschen strekt hel mij tol Hoost
te weten, dal er zoovele zuivere, goede en heilige
zieleu in de Kerk zijn, die alleen leven om u met
al hunne krachten eu al hun ijver Ie beminnen en
te eeren. Gij, o Heer, behoef! onze hulde niet, en
toch zou ik verlangen steden eu koningrijken met
duizeude mannen eu vrouwen te vullen, wier nira-
mer zwijgende stemmen u tot het einde ücr eeuweu
zouden prijzen, uwen heiligen naam heiligen, en u
in uw allerheiligst Sakrament aanbidden. Ik zou
wenschen dat de bladeren der hoornen, dat elke
zaudkoirel aan hel zeestraud, dal elke waterdrup-
pel in deu uceaau, eine long had om onophoude-
-ocr page 78-
70
lijk te zingen: Het allerheiligst Sakrament
zij voortdurend geprezen en vereerd.
Dit, dierbare Heer, is liet eenig voorwerp van
mijne verlangens, dat de geheele aarde u aanhidde,
en voor u zinge. (Psalm.)
Mijn hart is verblijd, dat uwe engelen ten minste
de allerheiligste Eucharistie steeds vergezellen en
omringen, en daar aanbidden, verbaasd en verrukt
hij het aanschouwen van de oneindige liefde, welke
Jesus voor mij heelt gehad. Maar indien uwe engelen,
o Heer, u steeds in dit heilig geheim dienen,
ofschoon het u om hunnentwille niet verbergt,
wat zal ik u dan aanbieden, die weet, dat gij om
mijnentwille dit heiligdom bewoont? Gij hebt ge-
zegd: zie, ik ben met u al de dagen, tot aan de vol-
einding der wereld (Matth. XXVIII : 20). Uw woord,
o Heer, is waar: hoe zal ik dan aan zulk eene
onmetelijke, zulk eene bijzondere gunst heant-
woorden? Dewijl ik den lof uwer engelen niet kan
overtreffen, zelfs al had ik hunne zuivere en vurige
lippen, wil ik ten minste mijnen geest met den hunne
vereenigen en met David zeggen: In het gezicht der
engelen wil ik lot u zingen (Ps. CXXXVII : 1). Ik
wil uwen lof verkondigen in tegenwoordigheid van
en gezamenlijk met uwe engelen, Ik zal met het
aanschijn naar uwen heiligen tempel gerigt, u
aanbidden (Psalm). Met diepen ootmoed wil ik mij
voor uwe altaren nederwerpen, waar gij, mijn God,
woont. Ik zal uwen naam glorie geven om uwe
-ocr page 79-
71
barmhartigheid en uwe waarheid (Psalm). Daar zal
ik u zegenen en de glorie van uwen naam ver-
heffen voor die onuitsprekelijke barmhartigheid,
waardoor gij om mijnentwil mij uwe grootste gaven
hebt achtergelaten, u zelveu. altijd wonende in bet
aanbiddelijk Sakrament.
Oefening van smart over de belecdigingen
die Jesns in liet allerheiligst Sacrament
worden aangedaan.
Maar indien, o mijn God, de grootheid uwer glorie
mij troost geeft, hoe diep smart het mij wanneer
ik bedenk, dat zulk een groot getal uwer schepselen
de buitensporigheden uwer lielde met zooveel ondank
beantwoorden ! De Turken, de ongeloovigen en de ket-
ters kennen u niet in uwe gezegende Eucharistie;
onverschillige en ondankbare Katholieken hebben
u niet lief. In bet diepste mijns harten ben ik be-
droefd, omdat zells de kinderen uwer bruid u zoo
slecht weten te waardeeren, en u zoo zonder schroom
beleedigen. Hoeveel oneerbiedigheden worden er
zells in uwe tempels niet tegen u bedreven, hoe-
veel onzedigheid, hoeveel ontheiliging door blikken
en gedachten, door woord en daad. zonder de minste
acht te slaan op uwe aanbiddelijke tegenwoordig-
heid! 0 kon ik het bloed mijns harten storten om
de beleedigingen te beletten, welke dagelijks tegen
u begaan worden! hoe gaarne zou ik dat geven.
Dit is het vurige verlangen mijns harten, maar ik
-ocr page 80-
72
ben vol zwakheid. Hoe kan ik mij bereid verklaren
om groote dingen voor u te doen, ik, die zoo weinig
moi\'ds bezit voor kleine oefeningen van deugd.
Oefening: van zelfbescliuldig-iiigr over zware
zouden teg-en Jcsus.
0 mijn (ïod, hoe dikwerf heb ik u beleedigd. wei-
ligt meer dan anderen gedaan hebben, door gebrek
aan geloof, aan eerbied, aan liefde, duor trouwelooze
en monsterachtige ondankbaarheid. Dikwijls ben
ik voorbij uwe altaren gegaan, op welke gij in liet
Sacrament verblijft, zonder u eenig blijk van ver-
eering Ie geven\' Herhaalde malen ben ik uwe
kerkeir binnengetreden met eene oneerbiedige hou-
ding, terwijl mijne zinnen bier endaar ronddwaalden,
zells gedurende hel heilig misoffer en de uitstelling
van het allerheiligste Sacrament! Ik heb niet
genoeg eerbied gehad voor uwe priesters, hen als
gewone menschen beschouwende; zonder mij te
herinneren dat hunne personen heilig zijn, dewijl
zij door u zijn uitverkoren om bet aauhiddelijk
Sacrament te consacreeren en te bedieneu. Dikwijls
helaas! ben ik u, mijn gezegenden Verlosser, in de
heilige communie gaan ontvangen met een hart,
dal niet slechts lauw en onverschillig, maar koud
en \\ersteend was en waarin geen godsvrucht woonde.
Hoe dikwijls heb ik u ontvangen in eene ziel,
neergedrukt en bevlekt door slechte gewoonten
en booze gehechtheid, zonder dat zij zells ernstige
-ocr page 81-
73
pogingen had aangewend om tot beterschap te
geraken! Hoe buitengemeen achteloos en traag
ben ik niet geweest in mijne voorbereiding tot en
in mijne dankzegging na de communie! Menigwerf
heb ik gecommuniceerd uit gewoonte, o( uit men-
schelijk opzigt, zonder de vrucht van deonuitspre-
kelijke kracht der heilige communie Ie plukken.
Daar ik den God van heiligheid zoo dikwijls in mijn
binnenste ontvangen heb, moest ik ecne gioote
heilige zijn, en echter ben ik een ellendig, een laag
wezen, beladen met onvolmaaktheden en welks
boosheid uwe genade steeds belet heeft. Vol schaamte
en verlegenheid, erken ik mijne overtredingen, en
mij zelven voor den hemel en de aaide beschuldi-
gende, belijd ik, dat ik het kwaad bedreven en uwe
groote liefde met dwaze goddeloosheid betaald heb.
Oefening van volmaakt berouw en van ver-
trouwen op Jesus.
Ik gevoel een groot leedwezen en een diep be-
rouw, o mijn God, over al de zonden, welke ik
gedurende mijn gansche leven bedreven heb, maar
bovenal heb ik berouw over die zonden, welke ik
heb begaan tegen den eerbied en de vereering die
ik u, mijn God, in het allerheiligst Sakrament
verschuldigd ben. 0 oneindige goedheid, schoon-
heid, majesteit! boe heb ik zoo stout durven zijn
om u te beleedigen, terwijl ik de verpligting had
3*
-ocr page 82-
74
om u te vereeren en te beminnen? Er is voor-
zeker geen schepsel 7.00 ondankbaar als ik op tle
aarde. Wie zal aan mijn hart verzuchtingen en
aan mijne oogen tranen geven, om naai\' evenredig-
heid mijne zonden te bejammeren en te beweenen?
Ik herroep, ik verfoei en ik haat al de boosheid
mijns hanen. Mogt ik maar weten hoe ik u daar-
voor vergoeding zou kunnen geven, mijn aanbid-
delijke Verlosser, en hoe ik u die eer zou kunneu
wedergeven, van welke ik u zoo onwaardig beroofd
heb. 0, dat ik hier mocht sterven van smart, dat
ik u beleedigd heb. dan zou de dood mij welkom
zijn! Maar het doet mij leed dat mijn berouw zoo
onvolmaakt is, vergeleken met mijne beleedigingen.
Wat ik toch moge doen om het berouw in mij op
te wekken, nooit zal het uaarachiig en diep zijn.
indien gij, mijn (ïod. mij uwen bijstand niet ver-
leent. Ik verneder mij dan voor uw aanschijn, en
ik smeek en bid u mij die hulp teverleeuen, door
de verdienste van uwe allerheiligste kindschheid,
en van uw allerbitterst lijden, en door de voor-
spraak van uwe gezegende Moeder en den heiligen
Joseph.
Geef geen acht, o Heer, op mijne onwaar-
digheid maar op mijn nood; hoe grooter mijne
ellende is; hoe meer behoefte ik heb aan uwe
barmhartigheid. Ontferm u mijner, Heer, naar
uwe groote barmhartigheid. (Ps. L: 3.) Ik ge-
voel een groot berouw, omdat ik u beleedigd
-ocr page 83-
11)
heb. en ik haat de zonde uit al mijne magt;
maar desniettegenstaande weet ik, dat dit wei-
nig is in vergelijkiug van de regtinatige vol-
doening, aan uwe oneindige majesteit verschul-
digd; en daarom smeek ik u die volkomen haat
aan te nemen, met welken gij zelf mijne zon-
den aanschouwt, en de bittere smart, met welke
uwe allerzoetste ziel is gepijnigd en bedroefd.
Ach, beminnelijke Verlosser, ik tiid u. heb me-
delijden en barmhartigheid, en schenk mij ver-
gifl\'enis. En wisch mijne ongeregtigheden uit naar
de menigte uwer ontfeimingen (Ps. L: 3). Ik
beu te\\reden, dat ik uithoofde mijner zonde de
goddelijke regtvaardigheid voor mijne ongerechtig-
beden niet kan voldoen; en ik verheug mij, dat
Gij, mijn ge/.egende Verlosser, alleen voldoening
voor mij kunt geven, dewijl ik steeds wensen ge-
bukt te gaan onder liet gewigt uwer groote liefde.
Wanneer ik mijne ellende overweeg, dan zie ik
hoe onwaardig ik uwer genade ben, eu wanneer ik
gevoel dat mijn geweten gejaagd wordt door ou-
telbare zouden, zou ik wel tot wanhoop kunnen
vervallen; maar God verhoede, dat ik u zulk een
oriregt zou aandoen.
Al heb ik meer dan al de duivelen in de hel
haar vuur verdient, zal ik toch nooit de hoop ver-
liezen, wanneer ik mijn blik vestig op uwe on-
eindige goedheid, welke mijne ziel met een vast
vertrouwen in u vervult. Ik weet wel dat gij
-ocr page 84-
76
den dood des zondaars niet verlangt: maar dat
hij zich liekeere en leve. Zie, o mijn Jesus, ik
ben vast besloten om niet meer te zijn wat ik
geweest ben; aan u ben ik dat goede verlangen
verschuldigd: boe zou ik dan kunnen betwijfelen
dat gij uwe barmhartigheid aan mij wilt vervullen
en mij wezenlijk bekeeren. Van u alleen hoop ik
alle goed voor dit en voor het toekomende leven.
0 mijn Heer. ik mag wel vertrouwen, dat gij mij
allen zegen zult schenken, zoowel tijdelijken als
geestelijken, gij, die mij u zelven geheel en al in
dit hoogheilig Sakrament gegeven hebt!
Van u hoop ik mijne eeuwige zaligheid ; want
lot dat einde hebt gij mij geschapen, verlost en
een zeker onderpand daarvan gegeven in de ge-
zegende Eucharistie. En dewijl ik mijne zaligheid
niet kan bewerken zonder de middelen aan te
wenden, welke gij daartoe hebt aangewezen, ver-
trouw ik op u om dat werkelijk te doen. Ik
verlang, o mijn God, uwe heilige wetten na te
komen, en u nooit meer te beleedigen door deze
te overreden. Neen, nooit meer zal ik u opnieuw
smart aandoen, nooit zal de zonde de kracht heb-
ben om mij op nieuw te verlokken. Rijkdom, eer,
gezondheid en zelfs het leven zal ik opofferen; ik
wil liever toestemmen om alle aardsche goederen
te verliezen, om alle kwaad te lijden, dan u nog
eenmaal vrijwillig te beleedigen.
Maar, o Heer, in mij zelven stel ik geen ver»
-ocr page 85-
4 I
trouwen, dewijl ik geen goed kan belooveu, wan-
kelbaar als een ongtladen schip, valbaar uin door
elke windvlaag te worden gedreven, ondervind ik
gedurig dat ik mijne goede voornemens geen dag
kan gestand doen. Op u alleen stel ik mijn
vertrouwen, van u alleen hoop ik de genade te
verkrijgen om in het goede te volharden. De
wereld, de inaglen der hel zijn tegen mij; op u
alleen hoop ik, op u steun ik. Ik klamp mij aan
u vast, o dierbare Heer, en dewijl ik weel dat
gij in uw gezegend Sakrament wooul om mij in
gevaar te verdedigen, mij in nood te helpen, zal
niets mij bevreesd maken. Gij hebt eeue talel
voor mij bereid tegen die mij bedroeven. (Ps.
XXII: 5).
Versterk, o Heer, mijne hoop, bevestig die,
maak haar standvastig en vol moed. 0! dat ik
de hoop hadde om u naar behooren te utren.
et-ne grenzelooze hoop in de oneindige magt, de
oneindige goedheid, welke gij mij iu uw gezegend
Sakrameut toont. Ik zie uwe gesluijerde Majes-
teit nu niet, maar ik hoop vast u ongesluijerd iu
den hemel te zien. Ja, ik zal God mijn Zalig-
inaker zien; deze mijne hoop is iu miju boezem
besloten, (.lob XIX : 27.)
Oefening: van dankbaarheid tot Jesns.
0 goddelijke Meester, welke verpligtingen ben ik
u niet schuldig voor uwe groote, wondei volle en
-ocr page 86-
78
eindelooze zegeningen, welke gij mij verleend helit
en mij nog schenken "wilt. Maar wanneer ik u heilig
lijden overweeg, waarvan gij eene gedurige gedach-
tenis in uw gezegend Sakrament hebt achtergelaten,
dan geraak ik geheel in verrukking. Wie behalve
gij zou zich onderworpen hebhen aan de geeseling.
de doornenkrooning, de kruisiging, en dat alleen
om mijnentwil? Wie op de aarde zou voor mij
schande en pijn hebben willen ondergaan, vaneen-
gescheurd hebben willen worden en in doodstrijd
verkeeren. den dood eens misdadigers hebben willen
lijden, dan gij alleen? Uwe liefde alleen, mijn dier-
bare Verlosser, stelde u daartoe in staal, — uwe
overvloeijende onvergelijkelijke liefde. Welke alles
afdoende aanspraak hebt gij dus niet op mijne
onverdeelde genegenheid!
Ik heb u lief. o allerbeminnelijkste Verlosser, en
ik maak het voornemen om u bovenal te beminnen,
en met al de kracht, welke dit arme hart bezit. Gij zijt
voor altijd mijn deel. mijn erfgoed, mijn God, mijn
al. Ik heb tot den Heer gezegd, gij zijt mijn God
(Ps. XV: 2): de God mijns harten, en mijn deel
voor altijd. (Ps. LXXII : 26.) Pewijl gij uit Liefde
voor mij geleefd hebt en gestorven zijt, wensch ik
ook voor u alleen te leven. Mogt ik u kunnen
beminnen met de vereenigde harten van al uwe
seraphijnen en van al uwe heiligen, dan zou ik u
in waarheid liefhebben; maar dewijl ik dit niet
kan, verzoek ik u aan te nemen wal ik u tenminste
-ocr page 87-
7!)
kan aanbieden, mijnen uil. Ik ofler u mijn hart op:
liet is arm en tot weinig in staat, maar neem liet
aan, o Heer, zooals het is. Mijn hart, gij zult mij
niet meer, maar mijn Jesus geheel en al toebehporen;
standvastig, eeuwig, zult gij het zijne wezen. Ach,
het zal mij niet moeielijk vallen om geheel aan
Jesus, mijn Heer, toe te hehooren, want Hij heelt
zich in het aauhiddelijk Sakraraent geheel en al aan
mij gegeven. Hij heeft mij hier zooveel gegeven,
dat, indien ik meer zou vragen, hij mij zou kunnen
antwoorden, dat hem niets te schenken overbleef,
dewijl hij mij alles gage ven had. daar hij mij zich
zelven in dit goddelijk Sakrament had geschonken.
Hoe vreeselijk moet mijne ondankbaarheid dan niet
wezen, indien ik hem niet op mijne beurt alles geel
wat ik kan, namelijk mijzelven. VVanneer ik mijne
nietswaardigheid en het weinige dat ik voor mijns\'
Verlossers glorie kan doen in aanmerking neem,
hoe is het dan mogelijk dat ik dit weinige nog kan
verminderen. Indien ik mij zelfs geheel eu al aan
zijne dienst wijd, hoe weiuig kan ik dan nog voor
hem doen! Heden dan, mijn dierbare Jesus, wijd ik
U vooraltijd mijn ligchaam en mijne ziel, mijnekrach-
ten. mijn verstand, mijn geheugen en mijn wil,
al mijne gevoelens toe; ik zal niets aan u ont-
houden. Maar, o mijn God, hoe kan ik op mijn
hart rekenen, dat zoo teeder en fijngevoelig voor
zich zelven is. maar zoo moeijelijk wordt bewogen
voor u? 0 gij, die in de gezegende Eucharistie het
-ocr page 88-
80
wonder der wonderen hebt gewrocht, doe nog eeu
ander wonderwerk in mijn binnenste, maak dit
hart gevoelig voor u en voor uwe liefde. 0. liegin
nu in mij liet wonderdadig werk, mijnGod, ik smeek
het u allernederigst.
Oefening van liefde tot Jesus.
0 gij waanzinnige, ongelukkige wereldlingen, zegt
de heilige Augustinus, waarheen begeeft gij u om
voldoening aau uwe harten te geven? Komt bij
Jesus, want in hem alleen zult gij de tevredenheid
vinden, welke gij zoekt. Mijne ziel, \\vees gij zoo
dwaas niet, maar zoek alleen uwen God. Zoek een
goed, in hetwelk alle goed is. (II. Aug.) Indien gij
het spoedig wilt vinden, zie het hier voor u: hij
woont in de ciborie om u te hooren en te troosten;
vraag hem wat gij wilt. Aan allen, zegt de heilige
Teresia, is het niet geoorloofd niet hun vorst te
spreken, en al wat zij kunnen verwachten is door
een üeiden persoon met hem in aanraking te komen.
Maar dat wordt niet gevorderd om met U te spreken,
Roning van glorie: gij wacht sleeds om gehoor te
verleenen inliet Sacrament des altaars, ook aan de
geiingsteu en de minsten. Hij, die u zoekt, vindt u
altijd daar, waar hij tot u mag spreken als een
vriend tot zijnen vriend. Eu indien een onzer zijn
koning nadert en hem spreekt, hoe verlegen staat
hij dan niet! Üe aardsche vorsten geven zelden ge-
-ocr page 89-
81
hoor, maar gij houdt in dit Sakrameut uw hofdag
en nacht open voor al degenen, die wenschen tot
u te komen.
0 Sak ramen t van liefde, hetzij gij u aan ons geelt
in de communie, hetzij gij op de altaren verblijlt.
trekt hij met de aantrekkingskracht uwer liefde al
die harten tot u, welke in liefde ontvlamt door
uwe liefde, verbaasd over uwe goedheid, met eene
verlevendigende vlam voor u branden, en steeds
aan u denken. Trek ock mijn ellendig hart tot
u, o lieer, want het verlangt u ook te beminnen,
en als dienaar uwer lielde te sterven. Aan uwe
voeten leg ik beden, in het aanschijn van alle
inenschen, mijne belangen, al mijne hoop en mijne
genegenheden, mijne ziel en mijn ligebaam neder.
Ik offer allen aan uwe goedheid op. Neem mij aan,
dierbaarste lieer, en beschik over mij naar uw
welbehagen. Ik zal over de raadslagtn uwer \\oor-
zienigheid niet meer morren ; ik weet nu dat, dewijl
zij allen voortkomen uit uwr beminnend hart, zij uit
lielde ontstaan en voor mijn bestwil. Het zal mij
genoeg zijn uwen wil te volbrengen, in den tijd
en in de eeuwigheid. Doe uwen wil, o Heer, in
mij en voor mij; ik vereenig mij met uwen heili-
gen wil, want het is uw wil, al-heilig en goed, al-
schoon, beminnelijk en volmaakt. 0 wil mijns
Heeren, hoe dierbaar zijt gij mij geworden! Xaauw
met u vereenigd, wil ik leven en sterven, Dat,
wat u behaagt, zal mij ook behagen; uwe btgeer-
-ocr page 90-
82
ten zullen ook de mijnen zijn. 0 mijn God, mijn
goede God. sta mij bij, en verleen mij dat ik van
dit oogenblik af alleen voor u moge leven, mijn wil
met den uwen moge vereenigen, niets moge be-
minnen dan uwen wil. Mogt ik uit liefde tot u
sterven, die voor mij gestorven zijt en u zelven aan
mij tot voedsel geschonken hebt. Bitter betreur
ik die dagen, toen ik mijn eigen wil volgde en u
zoo beleedigde. Maar nu. o goddelijke wil, bemin
ik u, gelijk ik mijn bod bemin, dewijl gij van God
zijt. Ik bemin u uit geheel mijn hart, ik schenk
mij aan d, o opperste wil van mijn God, mogt gij
al mijne liefde uitmaken !
Oefening van opoffering: aan Jesus van zjjn
Heilig- Hart.
Ter vergoeding van mijne zwakheid en mijne
onmagt, offer ik, o Heer, die vurige liefde op. met
welke gij door uwe engelen, en door uwe heiligen,
en door de Koningin der heiligen. Maria altijd
Maagd, uwe zeer zoete en onbevlekte Moeder. be-
mind zijt geweest en gedurende de gansche eeuwig -
heid zult worden. Ik zal op aarde naar beminnende
harten zoeken, die den ijver hebben om u lief te
hebben gelijk gij verdient, ten einde u die op te
dragen. Maar al kon ik al de zielen, die in staat
zijn om u te beminnen, in één groot hart vereeni-
gen, zelfs dan zoudt gij nog niet naar behooren
bemind worden. Gij alleen, dierbare Heer, kunt
-ocr page 91-
8:!
die liefde aanvullen, gij alleen kunt eene liefde, u
zelven waardig, geven. Daarom offer ik u uw aller-
zoets Hart op. en die ontzaggelijk groote liefde,
waarmede gij vervult zijt. Ik offer u die liefde op,
waarmede de Godheid welgevallen heeft in uwe
allerheiligste Mensclilieid, en ook die. waaraan uwe
heilige Menschheid passend beantwoord met be-
trekking ti.t het vereeren en verheerlijken der God-
beid. Voor eeuwig zij geprezen in het aanbiddelijk
Sakrament de liefde der liefde, de liefde van den
Vader, en de liefde \\an Hen Zoon, en de liefde van
den Heiligen Geest. Ik werd vertroost door de glorie
welke gij, mijn glorievolle Verlosser, in dit gezegend
Sakrament hezit. Wanneer ik het brood in de handen
des priesters aanschouw, en bedenk dat op het oogen*
blik dat hij in de consecratie deze aanhiddelijke
woorden spreekt: Hoc est Corpus me u m, er
geen brood meer blijft, dewijl het veranderd wordt
in bet ligchaam van Jesus Christus, hoezeer hoop
ik dan en begeer en verlang ik vurig, dat, indien
ik u in dit verheven Sakrament ontvang: in mij
moge uitgewerkt worden hetgeen gij aan uwen
dienaar Augustinus verklaardet. dat, ofschoon hij
dit goddelijk voedsel niet in zijne eigene zelf-
standigheid kon veranderen, gelijk geschiedt met
het stoffelijk voedsel onzer ligchainen, hij echter
kon veranderd worden in u. het levende heinel-
sche brood, ten einde een geheel goddelijk leven
in u te leven, dewijl het geheel gelijk het uwe
-ocr page 92-
84
was. U volvoer iu mij deze gelukkige ver<inde-
ring, dat ik mij zelven moge afsterven, om ge-
heel aau u gewijd, in u, voor u te leven, zoodat
ik in geest en waarheid met uwen apostel moge
zeggen: ik leef, neen niet ik, maar Christus leeft
in mij (Gal. 11: 20).
Oefening tsiu bewondering der goddelyke
goedheid en lot liet vragen van genaden
voor ons zelven.
0 mijn (iod. hoe zal ik mijne verbazing bedwin*
gen, wanneer ik overweeg hetgeen gij voor mij
in dit Sakraraent gedaan hebt! Gij, mijn Verlos-
ser, Jesus Christus, gij gelieft wel uit den hemel
af te dalen, u zelven onder de gedaante van brood
te plaatsen, en dag en nacht in het tabernakel te
wonen, alleen om uwe liekle jegens mij te beoefe-
nen, en mij den overvloed uwer genade mede
te deeleu. ü welke goedheid, welke barinhartig-
heid! Het schijnt mij toe, dat ik in het goddelijk
Sak ramen t, waarin de oorsprong en de gever van
alle goed woont, den Koning van glorie zie, die
met lieftallige hollelijkheid mij roept, mij uit-
noodigt eu mij verwacht, opdat ik moge naderen
om zijne genaden te ontvangen en getroost te
worden, lluud\' moed dan, mijne ziel; kom, laat
ons zegeningen vragen en niet vermoeid worden,
nitar vol veitrouwen zijn dat wij ze zullen ont-
-ocr page 93-
ar.
vangen. Laat ons derhalve, met vertrouwen tot
den troon der genade gaan. opdat wij barmhartig-
heid mogen verwerven en genade vinden in ge-
schikte hulp. (Uebr. IV: 16).
Indien ik een blik sla in mijn hart, om zijne
behoeften te kennen waarin voorzien moet wor-
den, dan bevind ik dat alles mij ontbreekt, want
aan alles heb ik gebrek, en ik bezit geen wezen-
lijke deugd, want de ondeugd beheerscht mij ge-
heel en al. Mijne behoeften zijn eindeloos, en
gij, mijn God, onderscheidt ze veel duidelijker
dan ik doen kan. Ik ben blind en zonder licht,
en deze is de eerste genade, welke ik van u af-
smeek: Heer, geef dat ik moge zien (Luc. XVIII:
41). Verlicht mij, o waar en eeuwig licht, dat in
de wereld zijt gekomen om alle inenschen te ver-
lichten; maak dat ik mijne laagheid. mijne armoede
mijne buitengemeen groole ellende moge zien en
kennen, dat ik, mij zelven kennende, de nederig-
heid moge leeren. Gebrek aan ootmoed ziedaar de
groote oorzaak van mijn kwaad; ik ben \'een kleine
duivel op aarde.\' vol ijdelheid en eigenliefde; ik
schat mij zelven te hoog, en ik verlang door an-
deren hooggeacht te worden; en daarom val ik, en
zelfs bij elke kleine gelegenheid, zonder mijne fouten
ooit te verbeteren. Al mijne zonden zijn het ge-
volg, de straf van mijn hoogmoed. 0 was ik maar
nederiger van harte, zooals ik verpligl ben te zijn!
0 mijn Jesus, gij die u zelven in bet Heilig Sakra-
-ocr page 94-
•M
ment bijna tut niets verlaagd hebt. en die bier
•woont, al uwe glorievolle gaven in de heilige bostie
verbergende, ik smeek u, geef mij eene waarach-
tige en heilige nederigheid, want zonder dat beu ik
niet in staat noch gestemd om eenige genade van
u te verwerven, en dit alleen kan mij daartoe ge-
schikt maken. f"1k weet zelfs niet wat nederigheid
is, maar wel is bet mij bekend, dat ik groote be-
hoelte aan die deugd heb. Ik vraag u dit ter wille
dier verbazende nederigheid, die er u toe brengt
om in het gezegend Sakrainent te wonen, j ü God
van alle grootheid en van alle nederigheid, veine-
der mijn hoogmoed en geef mij een nederig en be-
rouw vol hart.
Met de genade der nederigheid vraag ik u ook,
de genaden van gelool, hoop en liefde steeds in mij
te vermeerderen. Zonder deze deugden kan ik mijne
zaligheid niet bewerken, en echler. met hoeveel
achteloosheid verwekt mijn hart oefeningen dier
deugden! Hoe dikwijls gaat er een geruime tijd
voorbij, zonder dat ik zelfs eene enkele oefening
van geloof van hoop of van liefde verwek, ü. mijn
Heer Jesus Christus, die u gewaardigd hebt ons in
het gezegend Sakratnent een geheim van geloof
een onderpand van hoop, een band van lielde na
te laten, geef mij de genade, om de goede gewoonte
te verkrijgen van deze deugden, herhaaldelijk ge-
durende mijn leven te beoefenen, opdat zij mij in
het uur mijns doods van nut mogen zijn. Maak
-ocr page 95-
87
mij waardig in uw geloof\' te leven en te sterven,
met eene vaste hoop van in uwe liefde te zullen
leven en sterven. Geef\' mij, o Heer Jtsus, eene
vermeerdering van geloof, van hoop en van liefde.
Maar daarenboven, o mijn God, smeek ik u mij
de genade te verleenen, van met mijne evenuaas-
ten in eene heilige liefde te leven. Gij hebt
mij bevolen hen te beminnen, maar ik verzuim
die wet na te komen; sommigen hunner bemin
ik uit genegenheid, sommigen uit eigenbelang, en
zelden iemand louter uit liefde tot u. Ik bemin
dengene die mij vriendelijk behandelt, maar ik be-
min htm niet die mij beleedigt. Somtijds maak ik
het voornemen om alle menschen te beminnen,
maar ik heb al te veel reden om te vreezen, dat
ik ze in waarheid niet met die christelijke liefde
bemin, welke mijn pligt is. Maar gij hebt mij in
de instelling van het gezegend Sakrament een
model, een voorbeeld van liefde nagelaten: verleen
mij de genade dat ik het heilig moge navolgen. Ik
maak nu het voornemen, om alle menschen opregt
en hartelijk ter wille van u lief te hebben, en in
\'t bijzonder degenen, die mij op eenigerlei wijze
hebben beleedigd en gehoond. Ik smeek u, schenk
hun al hetgeen ik het vurigst voor mij zelven ver-
lang, en vereenig dit mijn gebed met het uwe aan
het kruis, !oen gij de voorspraak waart van uwe
vijanden.,j Verleen mij, dierbare Heer, de genade
van altijd in liefde met allen te mogen leven, van
-ocr page 96-
83
zóó te mogen leven, dat ik nimmer door eenige daad
van mijne zijde den band van liefde verbreek: dat
ik mijn evennaaste altijd moge beminnen, zooals
gij mij lielhebt. llovenal smeek ik u nederig om
de genade, dat ik in alles en door alles moge on-
derworpen blijven aan uwen allerbeiligsten wil. Ik
neem aan al wat uwe goddelijke Voorzienigbeid zal
beschikken omtrent mijn leven en mijnen dood;
moge uw wil alleen in alles geschieden, niet de
mijne, o Heer. Ik verlang al wat gij wilt, en dewijl
gij het wilt; en in alle omstandigheden vereenig
ik mijn wil met den uwen. Daarom, o mijne dierbare
Verlosser, vereenig ik nu en voor altijd mijn wil met
den uwen, met dien aanbiddelijken wil. welken gij,
in den hof, met volkomen onderwerping aan uwen
eeuwigen Vader aanboodt, en ik smeek u mijn wil
altijd zóó gelijkvormig te willen houden met den
uwen, dat niets hem zal losmaken. Gij zelf hebt mij
geleerd in het Onze Vader te zeggen; «Uw wilge-
schiede," en dit dagelijks te herhalen; maar te
dikwijls spreek ik die woorden alleen met de lippen;
nu ten minste spreekt mijn hart ze voor altijd en
in alle mogelijke omstandigheden uit. Uw wil geschiede
op aarde als in den hemel. Heden en al de dagen mijns
levens, moge uw allerheiligste wil in mij, voor mij,
door mij geschieden. Doe mij kennen wat u behaagt, en
geef mij de genade dat te volgen. Verleen mij, o Heer,
om te onderscheiden, te willen, te doen, wat u be-
liaagt, zooals het u behaagt, en omdat het u behaagt.
-ocr page 97-
89
Oefening om dezelfde genadeii voor de eTen-
naasten te vragen.
Niet voor mij zehen alleeu vraag ik deze ge-
naden, o mijn God, maar voor al de zielen, welke
gij met uw zeer kostbaar bloed hebt verlost, en
bijzonder voor al degenen, die tot de Heilige lvatho-
lieke Kerk bebooien, en vooral voor degenen, die
de meeste devotie tot bet aanbiddelijk Sakiament
hebben gehad en hebben.; Deze, dierbare Heer, be-
veel ik u met de teedersle genegenheid aan. Geef
ons allen een geest van eenheid en ijver, naijverig
om de beleedigingen tegen u begaan te vergoeden,
en altijd ijverig om de devotie jegens u in het
allerheiligste Sakrament aan te wakkeren. Met de
intentie om de allaten te ontvangen en deel te
hebben aan de verdiensten van uw allerheiligst
Lijden, beveel ik u, o mijn Heer Jesus Christus
de apostolische en roomsche Kerk aan; en ik smeek
u om hare grenzen uit te breideu door de uit
roeijiug der ketterij, de bekeeiing der ongeloovigen.
Ik beveel u N . . . . den Opperpriester, uw l\'laats-
bekleeder op aarde aan, en ik smeek u hem bij te
staan, opdat bij belder onderscheide, krachtdadig
wille, en met magt volbrenge, al wat bet meest
kan strekken tot de eer en glorie uwer goddelijke
Majesteit.
Ik beveel u ook al uwe priesters aan, die be-
stemd zijn om de vreeselijke bediening uwer altaren
-ocr page 98-
90
te verrigten, en ik bid u hen met uwen geest te
willen hekleeden, en dat zij waardig het gezegend
Sakrament mogen consacreeren, ontvangen en aan
de geloovigen uitdeelen, met het geloof en den
plegtigen eerbied, de zuiverheid en de devotie,
welke het vordert. Ook beveel ik u al de katholieke
vorsten aan, en al de overheden aan wie gij tijde-
lijke magt hebt gegeven, opdat zij in vrede mogen
leven, en in ijver en kracht tegen de vijanden van
liet heilig katholiek geloof vereenigd zijo. Ik beveel
u al de zondaren aan, voor wier zaligheid gij u
gewaardigd hebt Mensch te worden, drie en dertig
jaren op aardt te wonen, en ten laatste aan het
kruis te sterven; en ik smeek u hun uwe magtige
hulp te willen, verleenen, opdat zij berouw mogen
gevoelen, zich jhekeeren en in uwe heilige genade
ingaan en verblijven. U beveel ik mijne bloedver-
wanlen, mijne vrienden, mijne vijanden, mijne over-
sten, zoo geestelijke als wereldlijke, en al degenen,
voor wie ik verplicht ben te bidden, aan. Ik smeek
u hen te zegenen, hun de genade te geven van een
goed gebruik hunner lijdelijke goederen te maken,
zoodal zij de eeuwige gelukzaligheid mogen berei-
ken: Ut sir transeamus per bona temporalia ut non
amittamui esterna
— Opdat wij zoo door de tijde-
lijke goederen mogen heengaan, dat wij de eeuwige
goederen niet verliezen.
-ocr page 99-
01
Oefening om de zielen in het vagevuur aan
Jesus aan te bevelen.
Ü mijn God, ik beveel aan uwe barmhartigheid
de heilige zielen in het vagevuur, en voornamelijk
die. welke ik uit liefde of rechtvaardigheid het
meest verpligt ben te hulp te komen; en vooral
bid ik u voor degenen, die gedurende hun leven
de meeste devotie hebben gehad voor het gezegend
Sakrament, en ook diegenen, die de gezegende
Maagd het meest hebben liefgehad. Voor die zielen
bied ik u aan, mijn goede Jesus, uwe wonden, uwen
doodstrijd, uwen dood en al de verdiensten van
uw zeer bitter lijden. Ik weet dat het u aangenaam
is. dat ik voor deze heilige zielen bid, die uwe
lietde waardig zijn. Hoor dan, dierbare Heer, en
leen een gunstig oor aan het gebed, dat ik in de
woorden der heilige Kerk u ten hunnen behoeve
opzend : Requiem aeternam dona eis. Domino, el /«.»
perpetua luceat eis rum Sanctus tuis in aeteruum,
quia pius es.
— Geel haar de eeuwige rust, o Heer
en laat het eeuwige licht over hen eeuwig met uwe
Heiligen schijnen, want gij zijl barmhartig.
-ocr page 100-
92
Oefeuiug van zelf\'besehuldigiiig uu van beroiiT»
dut men gedurende dit biduur Jesus en
liet gezegend Sakranient niet vuriger
heeft aangebeden.
Helaas! thans heb ik hier slechts een uur vuur
hel heilig Sakranient doorgebragt, en het schijnt
mij zwaar te vallen, drukkend ie worden. Hoe-
scliaam ik mij. wanneer ik bedenk, dat ik gedurende
vijl ol zes uren met schepselen kan doorbrengen,
zouder verveling te gevoelen, en het mij integen-
deel vermaakt en ontspant, terwijl hel mij verveelt
en bezwaart, wanneer ik slechls een enkel uur
allten mei (iod blijf, de tijd, voor mijne aanbidding
bepaald, mij laug valt, en ik dien gaarne zou be-
korten. Maar.... wat is dit, mijne ziel? Hoe zoudl
gij. gedurende dil uur, in hel beminnelijke gezel-
schap van Jesus doorgebragt, moeten verzadigd zijn
door zijne lielde, om van genoegen en vermaak over
te vloeien; waar kuut gij beter zijn dan bij uwen
Vader en uwen God, die u alles is? En echter
verveelt gij u zoo bij Hein, en vei langt gij naar
het oogenblik, dal gij het onderhoud met uwen
Heer zult kunnen al breken. Wel zoudt gij be-
schaamd moeien zijn !
O mijn Heer en mijn tïod, ik heb berouw over
deze ondankbaarheid, deze betreurenswaardige koud-
heid jegens u, en ik oliei u, in voldoening, de gebeden
en de Jolliedereu, de eer, de aanbidding, welke uwe
-ocr page 101-
fll!
heilige engelen u in deze kerk en in al de aude-
ren. waarin uw gezegend Sakrament rust. brengen.
Bijzonderlijk offer ik u de vurige betuigingen van
vereering en Helde van mijn heiligen engelbewaar-
der op. Ik wil niet van u weggaan, o mijn God,
zonder uwen zegen; ik zal u niet laten weggaan
voor dat gij mij gezegend hebt. Het is zdd, ik ben
die gunst onwaardig, maar ik verneder mij voor uwe
goedheid, en ik smeek u, bij uwe allerheiligste
wonden, welke ik in uw glorievol ligchaam, dat in
dit verheven Sakrament tegenwoordig is, aanbid.
0 Jesus, die hier in het Sakrament woont. aller-
zoetste, allerbeminnelijkste Jesus, ik aanbid u, ik
bemin uit geheel mijn hart, geef mij uwe heilige
liefde, stort uwen vaderlijken zegen over mij uit.
Bid vijfmaal het Onze Vader en vijfmaal het
Wees gegroet ter eere van de vijf wonden, met
eene Sul re Regina voor de smarten der H. Maagd
in dezer voege :
-ocr page 102-
94
I.
Aan de wond van den linkervoet.
Ne projicias me a facie
tup, et Spiritum Sanctum
ne auferas a me.
Verwerp mij niet van uw
aanschijn, en neem uwen IIei-
ligen Gcist niet van mij weg.
Onze Vader. Wees gegroet. Eer zij den Vader.
II.
Aan de wond van den regtervoet.
Vias luas, Domine, de-
monstra mihi, et semitas
tuas edoce me.
Toon mij, o Heer, uwe we-
gen, en leer mij uwe paden.
Eer.
Onze Vader.
Wees gegroet.
III.
Aan de wonde der linkerhand.
Cor mundum crea in me.
Deus, et spiritum rectum
innova in visceribus meis.
Schep in mij een zuiver hart,
O God. en vernieuw een op-
regten geest in mijn binneuste.
Onze Vader. Wees gegroet. Eer.
IV.
Aan de wonde der regterhand.
Ik beveel mijn gtest in uwe
handen: cij hebt mij verlost.
Heer God der waarheid.
In manus tuas commendo
spiritum nieum: redemistie
me, Domme Heus veritas.
Onze Vader. Wees gegroet. Eer.
-ocr page 103-
95
Aan de wonde van het Heilig Hart.
Op u. Heer, heb ik gehoopt,
en in eeuwigheid zal ik met
beschaamd worden.
In te, Domino, speravi,
non confundtir in aetcr-
nura.
Onze Vader, Wees Gegroet, Eer.
Oremus.
O Heer Jc3iis Christus, kom
! uwe dienaren, die gij door uw
I dierbaar bloed verlost hebt, te
hulp door de vijf wonden, welke
uwe liefde tot ons u aan het
kruis heeft doen ontvangen.
Die leeft en heerscht, enz.
Wees gegroet, Koningin,
Moeder der barmhartigheid:
Ons leven, onze zoetheid, en
onze hoop, wees gegroet.
Wij roepen t< t u, gebannen
kinderen van Eva;
Tot u verzuchten wij, treu-
rende en weenende in dit tra-
nendal.
Daarom, o onze voorspreek-
ster,
Wend uwe barmhartige oogen
tot ons,
En toon ons, na deze bal-
lingschap, Jesus, de gezegende
vrucht uws ligchaams.
Domine Jesu Chiïste,
per quinque illa vulnera,
quae tibi in cruce nostri
amor icflixit; tuis famulis
subveni, quos pretioso
sanguine redemisti. Qui
vives et regnas, etc.
Salve, Kegina, Mater
misericordiae;
"Vita, dulcedo, et spes
nostia, salve.
Ad te clamamns, cxules
filii Evae.
Ad te suspiramus, gc-
mentes et tlentes in hac
laerymarum valle.
Eia, ergo, Advoctta
nostia.
lllos tuos misericordes
oculos ad nos converte;
Et Jesum, benedictom
froctum ventris tui,
Nobis post hoc exilium
ostende.
-ocr page 104-
O elemcns, o pia, o dul-
cis Virgo Maria.
V. Ora )jro nobis, sanctu
Dei Genitrix,
R. Ut digni efficiamur
promissionihus Christi.
Omiiipotcns, sempiter
ne Deus, <)ui gloriosa.-
Vivginis Matvis Marine,
cov]>us et animam, ut dig-
tium Filii tui habitacu-
lum offici mcreretur Spi-
vitu Sancto cooperantc,
praeparasti; da ut cujus
commemoratione lattajnur,
ejus pia iutercessione, ab
instantibus malis et a morte
perpetua liberemur. Per
eumdum Christum Domi-
nnm Nostram.
O goedertieren, o lieve, o
zoete Maagd Maria.
V. Bid voor ons, heilige Moe-
der fiods.
R. Opdat wij waardig worden
der beloften van Christus.
Almagtige, eeuwige God, die
door de medewerking van den
Heiligen Geest, het ligchaam en
de ziel van <lt glorievolle Maagd
en Moeder Maria hebt voorbe-
reid om eene waardige woon-
plaats voor uwen Zoon te wor-
den i geel dat wij, die ons in
hare <rednchtenis verblijden, op
hare barmhartige voorspraak,
van de tegenwoordige rampen
en van den eeuwigen dood mo-
sen bevrijd worden. Door den-
zelfden Christus Onzen Heer.
-ocr page 105-
07
Gebed tot Jesus in het gezegend Sakrament
voor de bckecring van Nederland.
Heer Jesus Christus, oneindige goedheid, die uwe
kerk door dit goddelijk Sakrament van uw ligchaam
en bloed doet herboren worden, versterkt en voedt,
en u zelven hierin dagelijks als een offer van loi\'
en verzoening aan uwen eeuwigen Vader opdraagt,
sla een genadigen blik op ons dierbaar vaderland,
welks bewoners voor een groot gedeelte zijn uit-
gesloten van de zoete geneugten van dit uw feestmaal.
Vergeef barrahartiglijk al wat in dit land door
goddeloosheid of door onwetendheid tegen deze
allerheiligste geheimen gedaan is: stort in de harten
van alle menschen geloof en eerbied voor dit geze-
gend Sakrament, opdat zij uwe kinderen mogen
worden, gelijk olijfboomen rondom uwe talel. Die
leett en heerscht in alle eeuwigheid. Amen.
-ocr page 106-
!)8
LITANIE
Van den zoeten Naam Jesus.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm F onzer.
Heer ontferm U onzer.
Jesus hoor ons.
Jesus verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontferm U onzer.
God, Zoon Verlosser der wereld.
God, Heilige Geest,
11. Drievuldigheid, een God.
Jesus. Zoon van den levenden God,
Jesus, glans des Vaders,
Jesus, klaarheid van het eeuwige licht,
Jesus, Koning der glorie,
Jesus, zon van regtvaardigheid,
Jesus, Zoon der Maagd Maria,
Beminnelijke Jesus,
Wonderlijke Jesus,
Jesus, sterke God,
Jesus, Vader der toekomende eeuw,
Jesus, Engel van het groote raadsbesluit,
Allennachligste Jesus,
Allerverduldigste Jesus,
Allergehoorzaamste Jesus.
Jesus, zachtmoedig en nederig van harte,
Jesus, Minnaar der kuischheid,
-ocr page 107-
!)<)
Jesus, onze Minnaar,
Jesus, God des vredes,
Jesus, oorsprong des levens.
Jesus, voorbeeld der deugden,
Jesus, Ijveraar der zielen,
Jesus, onze God,
Jesus. onze toevlugt,
Jesus, Vader der armen,
Jesus, schat der geloovigen,
Jesus, goede Herder,
Jesus, waarachtig licht,
Jesus, eeuwige wijsheid,
Jesus, oneindige goedheid,
Jesus, onze weg en ons leven,
Jesus, vreugd der Engelen,
Jesus, Koning der Aartsvaders,
Jesus, Meester der Apostelen,
Jesus, Leeraar der Evangelisten,
Jesus, sterkte der Martelaren,
Jesus, licht der Belijders,
Jesus, zuiverheid der Maagden,
Jesus, kroon van alle Heiligen,
Wees genadig, spaar ons, Jesus.
Wees genadig, verhoor ons, Jesus.
Van alle kwaad, verlos ons, Jesus.
Van alle zonde, verlos ons, Jesus.
Van uwe gramschap, verlos ons, Jesus.
Van de lagen des duivels, verlos ons, J
Van den geest der ontucht, verlos ons,
-ocr page 108-
100
Van den eeuwigen dood,
Vau het veronachtzamen uwer inspraken.
Door hel geheim uwer heilige Menschwording,
Door uwe geboorte.
Door uwe kindsheid,
Door uwe allergoddelijkst leven.
Door uwen doodstrijd en uw lijden.
§
Door uw kruis en uwe verlatenheid.
Door uwe uitputtingen,
Door uwen dood en uwe begrafenis.
ES
5
Door uwe verrijzenis,
Door uwe hemelvaart,
Door uwe vieugden,
Door uwe glorie.
Lam Gods, enz. spaar ons, Jesus.
Lam Gods, enz. verhoor ons, Jesus.
Lam Gods, enz. ontfermt U onzer, Jesus.
Jesus, hoor ons.
Jesus, verhoor ons.
HAT ONS BIDDEN.
Geef ons, o Heer, dat wij altijd uweu H. .Naam
te gelijk vreezen en beminnen, daar Gij nooit uwe
leiding onthoudt aan hen, die gij in uwe liefde
hebt gegrondvest. Die leeft en heerscht in de eeuwen
der eenwen. Amen.
Aanroeping Tan den zoeten Naam Jesus.
0 goede Jesus! o medelijdende Jesus\' o zoetste
Jesus! o Jesus, Zoon van de Maagd Maria, vol barm-
-ocr page 109-
1(11
hartiglieid en medelijden! O zoete Jesus\' ontferm
U mijner volgens uwe groote barmhartigheid. O
goedertierenste Jesus! ik smeek U door dat kostbaar
bloed, dat Gij voor de zondaren hebt willen ver-
gieten, dat Gij al mijne ongeregtigbedeu afwascht
en nederziet op mij, ellendige en onwaardige, die
nederig om vergiflenis smeek, en dezen heiligen
naam Jesus aanroep. 0 naam Jesus! zoete naam -
naam Jesus. lieffelijke naam ! Wat toch is Jesus. tenzij
Zaligmaker? Daarom Jesus, om uwen heiligen naam,
wees mij een Jesus, en maak mij zalig; laat niet
toe dat ik veroordeeld worde, dien Gij uit het niet
geschapen hebt. ü goede Jesus! dat mijne onge-
regtigheid mij niet verderve, dien uwe almagtige
goedheid heelt gemaakt. 0 zoete Jesus, erken wat
het uwe is, en vtisch uit wat aan U vreemd is. ü
goedertiereudste Jesus, ontferm U mijner, terwijl
bet tijd is om te ondermen, opdat Gij mij niet ver-
werpt wanneer het tijd is om te ooideelen.
Wat nut is er voor mij in uw bloed, als ik in
bet eeuwig verder!\' nederdaalt? De duoden zullen
li niet loven, Heer Jesus, noch allen die ten grave
dalen. 0 beininuenswaardigste Jesus, o verlaogens-
waardigste Jesus! o allerzachtmoedigste Jesus! 0
Jesus! Jesus! Jesus! laat mij toe bij het getal uwer
uitverkorenen. U Jesus, zaligheid van die in U ge-
looven, o Jesus, troost van die tot U vlugten, o
Jesus, zoete kwijtschelding van alle zonden, o Jesus,
Zoon van de Maagd Maria, stort in mij genade»
-ocr page 110-
102
wijsheid, liefde, kuischheid en nederigheid: opdat
ik U volmaakt moge beminnen, loven, genieten,
dieoen en in U roenrcen met allen die uwen naam
aanroepen, die Jesus is. Amen.
LITANIE
tot het allerh. Sacraieeiit des Altaars.
Heer. ontferm u onzer.
Christus, on 1 ferm u onzer.
Heer, ontferm u onzer.
Christus, hoor ons,
Christus, verhoor ons.
God, Hemelsche Vader, ontferm u onzer.
Godszoon. Verlosser der wereld,
God Heilige Geest,
H. Drievuldigheid, één God,
Levend brood, dat uit den Hemel zijt neder- o
gedaald.                                                                       —
Verborgen God en Zaligmaker, onder de zigt- 3
bare gedaante van brood en wijn,
Tarwe der uitverkorenen,
                                           0
Wijn, die maagden voortbrengt,                               ~
Vreedzaam brood en vermaak der koningen,         r>
Altijddurende offerande.
Zuivere opdragt,
Vlekkeloos Lam,
Allerzuiverste Maaltijd,
-ocr page 111-
1113
Spijs der Engelen,
Verborgen hemelsch brood,
Gedachtenis van Gods wonderen,
Bovennatuurlijk brood,
Vleesch geworden Woord, onder ons wonende,
Heilig slagtoller voor onze zonden,
Kelk der zegening.
Geheim des geloofs,
Hoogwaardig en uitmuntend Sacrament,
Allerhoogste offerande,
Zoenoffer voor levenden en dooden,
Hemelsch behoedmiddel tegen de aanvallen
der zonden.
Wonder der goddelijke liefde.
Kostbare, gedachtenis van het lijden des
Heeren,
Cieschenk, dat alle volheid te boven gaat,
Voortreffelijk blijk der liefde van onzen God,
Verhevenst en eerbiedwaardigst geheim,
Troostvol onderpand onzer onsterfelijkheid.
Sacrament, vreeselijk voor de hel, dat onze
zielen verlevendigt.
Brood, door de magt van het Vleeschgeworden
Woord zijn eigen Vleesch geworden,
Onbloedige Offerande,
Spijs des levens, door het leven zelven aan-
geboden,
Verheven maaltijd, waarbij de engelen tegen-
woordig zijn en dienen,
-ocr page 112-
104
Sacrament van liefde,
OpHragt van eeuen geslagtoflerden God, die zicli g
zelven opdraagt,                                                        &
Geestelijke zoetheid, die in haren eigen oorsprong jj
wordt gesmaakt,                                                        J-
Verkwikking der heilige zielen,                                 c
Teerspijs van hen die in den Heer sterven,           S
Onderpand der eeuwige zaligheid,                            •"
Wees genadig, spaar ons. Heer,
Wees genadig, verhoor ons, Heer,
Van het ongeluk van uw ligchaam en bloed on-
waardig te ontvangen, verlos ons Heer,
Van de begeerlijkheid des vleesehes.
Van de begeerlijkheid der oogen.
Van de hoovaardij des levens.
Van alle gelegenheden van u te beleedigen,
Om de groote begeerte welke gij gehad hebt, om <
dit Paaslam met uwe leerlingen te eten,            2-
Om den diepen ootmoed, waarmede gij de voeten <*
uwer leerlingen gewasschen hebt,                        §
Om de brandende liefde, waarmede gij dit heilig _
Saki-iiiiici.it hebt ingesteld,                                      g
Om uw dierbaar bloed, dat gij ons in de ofle- •-!
rande des altaars hebt nagelaten,
Om de vijf smartende wonden die gij uit liefde
tot ons in uw allerheiligst ligchaam ontvangen
hebt,
Wij zondaars, wij bidden u, verhoor ons.
Dat het u believe het geloof, den eerbied en de
-ocr page 113-
105
liefde voor dit wonderbare Sacrament in ous
te bewonderen en te vermeerderen,
Dat liet u believe ons door eene nederige op-
regte belijdenis onze" zonden tot liet dik-
wijls nuttigen dezer heilige spijs voor te be-
reiden.
                                                                        ^:
Dat het u believe ons van alle ketterij, onge- ;r
trouwheid en verblindheid des harten te §;
bewaren.
                                                                     s
Dat het u believe ons de vruchten te doen in- =
zamelen, welke dit Sacrament, dat in zich de <
n
heiligheid zelve bevat, in wel bereidde harten 3-
voortbrengt,                                                               o
Dat het u eindelijk believe ons door de kracht c
van deze hemelscbe Teerspijs te ondersteu- S
nen en te versterken bij het naderen van
den dood,
Dat het n believe den overledenen de eeu-
wige rust te verleenen.
eeuwige zoon van den waren God.
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,
spaar ons, Heer!
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,
verhoor ons, Heer!
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,
ontferm u onzer!
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Heer, ontferm u onzer.
4*
-ocr page 114-
106
Christus, ontferm u onzer.
Heer. ontferm u onzer.
Onze Vader enz.
v. Gij hebt hun het hemelsch brood gegeten.
R. Dat alle genoegens in zich bevat.
LAAT ONS BIDDEN.
0 God, die ons onder dit wonderbare Sacrament
de gedachtenis van uw lijden hebt nagelaten, wij
bidden u. geef ons. dat wij de heilige geheimen
van uw ligchaam en bloed zoo eerbiedig vereeren,
dat wij de vruchten uwer verlossing gedurig in ons
mogen gevoelen, die met den Vader en den H. Geest
leeft en heeischt in alle eeuwigheid. Amen.
LITANIE
tot liet Alli-i-li. Hart van .Testis.
Heer. ontfeim u onzer!
Christus, ontferm u onzer!
Heer, ontferm u onzer!
Christus, hoor ons!
Christus, verhoor ons!
God hemelsche Vader, ontferm u onzer.
God Zoon, Verlosser, der wereld, ontterm u onzer.
God H. Geest, ontferm u onzer.
H. Drievuldigheid, één God, ontferm u onzer.
-ocr page 115-
107
Hart van Jesus, Zoon van den eeuwigen Vader,
Hart van Jesus, Zoon van de Maagd Maria,
Hart van Jesus. eigene en waardige woon-
plaats van den II. Geest,
Hart van Jesus, schatkamer van de allerheilig-
ste Drievuldigheid,
Hart van Jesus, gloiie en vreugd der Engelen,
Hart van Jesus, oneindig in Majesteit,
Hart van Jesus, voorwerp van alle liefde,
Allerootmoedigst Hart van Jesus,
Allerzuiverst Hart van Jesus,
Allerbeminnelijkst Hart van Jesus,
Hart van Jesus, vol zegen en genade,
Hart van Jesus, wellust van Hemel en aarde.
Hart van Jesus, licht van geheel de wereld,
Hart van Jesus, onverwinnelijk tegen onze
vijanden,
Hart van Jesus, fontein van alle regtvaardigheid.
Hart van Jesus, oorsprong van alle goedheid
en barmhartigheid.
Hart van Jesus, vol medelijden en teederheid.
Hart van Jesus, woonstede aller deugden,
Hart van Jesus. alle eer en lof waardig,
Hart van Jesus, aan wien alle aanbidding toe-
komt,
Hart van Jesus, onuitputbare bron van alle
hemelsein: gaven,
Hart van Jesus, zaligheid dergenen, die in u
hopen,
-ocr page 116-
108
Hart van .lesus, fontein der springende wateren
tot het eeuwige leven,
Hart van .lesus, verzoening onzer zonden.
Hart van Jesus, troost van alle bedrukte harten.
Hart van Jesus, hoop van hen, die in u sterven,
Hart van Jesus, ons leven en onze verrijzenis, c
s
Hart van Jesus, toevlugt van alle zondaren.
Hart van Jesus, met bitterheid voor ons vervuld, 2
Hart van Jesus \'net versmaad heden overladen,
Hart van Jesus, om onze boosheden doorwond, c
Hart van Jesus, om onze zaligheid gestorven aan E
het kruis,                                                                    ï
Hart von Jesus, met eene lans doorsloken,
Hart van Jesus, levende, heilige en Godbehagen-
de ofïerande.
Hart van Jesus, allaar op hetwelk al de Heiligen
opgeoüerd worden,
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,
spaar ons, Heer!
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,
verhoor ons, Heer!
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,
ontferm u onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Heer. ontferm u onzer.
Ghristus, ontferm u onzer.
Heer, ontferm u onzer.
Onze Vader, em.
-ocr page 117-
109
GEBED.
Heer Jesus Christus, die u gewaardigd hebt, aan
uwe Kerk kenbaar te maken, de onuitsprekelijke
rijkdommen van uw goddelijk Hart; maak dat wij
waardig worden aan de lielde van dit allerheiligste
Hart te beantwoorden, en de versmading aan het-
zelve door de dankbaarheid der menschen aange-
daan, door waardige eerbewijzen te vergoeden. Dit
vragen wij u, die leeft en heerscht met den Vader
en den H. Geest, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
OEFENING TOT HERSTEL VAN EER.
Liefderijke en aanbiddelijk Jesus, mijne Zalig
maker en mijn God! die door de vurigste en wonder-
baarste liefde u tot een slagtolter in het hoogwaar-
dige Sacrament des Altaars gegeven hebt, welke
droevige gevoelens moeten er ontstaan in uw heilig
ilart, daar gij in de harten van de meeste menschen
niets vindt, dan versteendheid, vergetenheid, on-
dankbaarheid en verachting! Het was dan niet ge-
uoeg den moeijelijkslen en pijulijksten weg verkozen
te hebben, om onze zaligheid te bewerken! Het
was niet genoeg u overgegeven te hebben aan zulk
een en wroeging en augsiigen doodstrijd, veroor-
zaakt door het aanschouw en onzer zonden, wier
last gij op u genomen hebt; gij hebt u nog willen
hloodstellen aan alle versmadiugen, die door de
boosheid der menschen en der hel kunnen uitge-
vonden worden. Met een verootmoedigd hart en
-ocr page 118-
110
eene diepe droefheid vraag ik duizendmaal en
duizendmaal vergiffenis voor al de versmadingen,
die gij op uwe altaren ontvangen hebt. Ach! ware
het mij gegeven, met mijne tranen te bevochtigen
en met mijn bloed af te wasschen al de plaatsen
waar uw Hart versmaad is geweest en waar men
uwe liefde met verachting beloond heeft! Ach
konde ik, door eene nieuwe soort van dienstbe-
wijzing, van verootmoediging, van verandering, zoo
vele heiligschennissen en onteeringen herstellen!
Ach, mogt ik meester zijn van alle harten der men-
schen, om u dezelve op te dragen en aldus eenig-
zins hunne vergetenheid en ongevoeligheid te ver-
goeden, daar zij u niet hebben willen erkennen of
u gekend hebbende, u zoo weinig bemind hebben-
Maar, o minnelijke Zaligmaker! hetgeen mij het
meest met schaamte bedekt, en waarom ik het
diepste zucht, is, omdat ik onder het getal van die
ondankbaren ben. Gij, om mijn God! gij, die het
binnenste van mijn hart doorziet, gij kent de droef-
heid, die ik over mijne oudankhaarheden gevoel,
gij weet, dat ik bereid ben daarvoor alles te doen
en te lijden, om die, zooveel in mij is, te her-
stellen. Zie dau, o Heer. hier ben ik, om van uwe
hand te ontvangen, al wat gij mij ten dien einde
zult gelieven op te leggen. Sla en kastijd mij o
Heer! ik zal de hand die mij zoo regtvaardig straft,
zegenen en kussen. Gelukkig zoude ik wezen, in-
dien ik door alle mogelijke pijnigingen voor zoovele
-ocr page 119-
111
versmading eeuigzins voldoen konde. Maar indien
ik die genade niet verdien, neem ten minste de op-
regte begeerte aan, die ik daartoe heb, en geef
volle kracht aan het voornemen, dat ik maak, van
nooit iets te vergeten, om u, o mijn Zaligmakerl
te beminnen en te eeren in het aanbiddelijk Sacra-
inent des Altaars.
-ocr page 120-
III.
Iiezock aan liet Allerheiligst Sakrament
TER liERK
VAN HET HEILIG HAKT VAi\\ JESUS.
Eerste aanbidding.
Ik aanbid u, o Heilig Hart van Jesus, in dit zeer
verheven Sakrament des Altaars, waarin gij voorgaat
ons zoo vurig te beminnen. Ik bedank en zegen
de goedheid van uw goddelijk Hart, voor de instel-
ling van dit goddelijk Sakrament, waai in gij een
goddelijk voedsel, namelijk u eigen zelven voor ons
hebt bereid. 0 aanbiddelijk Hart van mijn Jesus,
brandende door de goddelijke lielde, ontvang mijne
ziel in de uwe, geef\' dat ik u standvastig moge
beminnen tot het laatste oogenblik mijns levens.
Onze Vader. Wees gegroet. Eer zij den Vader.
-ocr page 121-
113
Tweede aanbidding.
Ik aanbid u, allerheiligst Hart van .K-sus, die op
dit altaar, waar gij woont, steeds vurigbegeert.dat
de harten vau al de schepselen, die gij gemaakt hebt,
met het uwe vereenigd worden, en dat zij aldus de
genaden mogen ontvangen, welke uit die altijd sprin-
geude bron voorlvloeijeu. Ik dank u voor de won-
dervolle goedheid van uw Heilig Hart, dat het zich
gewaardigd heeft zoo dikwijls met het mijne in dit
Sakrament der lielde vereenigd te worden, en ik
bid u te geven, dat mijn hart de inspraken van uw
allergezegendst Hart steeds moge volgen en daaraau
gehoorzamen.
Onze Vader, f^ees gegroet. Eer.
Deroe aanbidding.
Ik aanbid u, allerheiligst Hait van Jesus, in dit
verbeven Sakrament, waarin ongeloovigen en ket-
ters u niet aanbidden, noch gelooveu aan uwe we-
zenlijke en goddelijke tegenwoordigheid. Ter ver-
goeding voor al de beleedigingen, die u door on-
geloovigen en ketters in dit goddelijk Sakrament
zijn aangedaan, bied ik u nederig eene oefening van
geloot aan, waarmede ik belijd dat gij wezenlijk in
deze heilige Hostie tegenwoordig zijt, en daaiin
aanbid ik u met al de geloovige katholieken, u
-ocr page 122-
114
smeekende miju hart gelijk was te doen smelten,
opdat ik u eeuwig teeder moge beminnen.
Onze Vader. Wees gegroet. Eer.
Vierde aanbidding.
Ik aanbid u, o heilig Hart van Jesus, in dit ge-
zegend Sakrament des Altaars, waarin gij zoo wei-
nig bemind wordt, en zoo weinig erkend, vooral
door de slechte christenen, die u met zooveel on-
eerbiedigheid beleedigen, en u in hunne heilig-
schennende coinmuniën onwaardig ontvangen. Ter
boeting voor zulk eene groote heiligschennis, en
ook voor de oneerbisdigheid en de weinige gods-
vrucht welke zelfs zij betoonen, die u zijn toege-
wijd, en die u met grooten ijver en vurigheid moe-
sten aanbidden, wijd ik u mijn berouwhebbend
hart toe, offer het u op, en bid ik u dat uwe lief-
de het moge ontsteken als eene altijd voorubran-
dende lamp.
Onze Vader. Wees gegroet Her.
Vijfde aanbidding.
Ik aanbid u, o allerheiligst Hart van Jesus,
in dit hoogheilig Sakrament des Altaars, waarin
gij dag en nacht verblijft, terwijl geen uwer ge-
loovigen u komt aanbidden en persoonlijke hulde
bewijzen. Ontvang in voldoening, o goddelijk Hart, —
mijn wil, met welken ik, indien het mogelijk ware,
-ocr page 123-
i;r>
in al de kerken eu in al de deelen der wereld,
waar gij in hel Sakrament woont, zou wenscben
binnen te gaan, om uw oneindige goedheid te aan-
bidden, en de harten aller menschen door mijn
voorbeeld te bewegen om uwe liefde door herhaalde
bezoeken te beantwoorden; en dewijl mijn onver-
mogend ligchaam mij belet dit te doen, aanbid ik
u hier, en waar gij ook zijt in uw gezegend taber-
nakel.
Ome Vader. Wees gegroet. Eer zij den Vader, enz.
Oefening Tan godvruchtige genegenheid tot
Jesus in het hoogheilig Sakrament, en
tot z^jn allerheiligst Hart.
Zie dierbare en beminnende Jesus, waartoe uw
groote overvloed van liefde gekomen is. (ïij hebt
mij met uw heilig vleesch eu allerkostbaarst bloed
een goddelijkeu maaltijd bereid, waaiiu gij u geheel
aan mij geeft. Wat heeft u beaogeu tot zulk eene
vervoering van liefde? 0, altijd aanbiddelijk Hart
van Jesus, brandoven der goddelijke liefde, outvaDg
mijne arme ziel in uwe heilige wonden, opdat zij
in de school uwer liefde altijd moge leeren hoe zij
dezen God moet liefhebben, die mij zulke wónder-
volle bewijzen van zijne goddelijke liefde gegeven
beeft. Het zij zoo, het zij zoo.
-ocr page 124-
in;
De Kroon of Rozenkrans vmii het Allerheiligst
Sacrament.
V. Deus, in atijutorium        V. God, kom mij te hulp.
ïni\'uin intende.
R. Domme, ad adjuvan-        R. Heer, haast u mij te
durn nic festin*. — Gloria     helpen. — Eer zij den Va-
Patii.                                    der enz.
Deze Kroon bestaai uit drie en dertig verzuch-
tingen, welke men gedurende het biduur voor het
Heilig Sakramenr, kan bidden. Na elke verzuchting
kan men een Onze Vader bidden, aan \'t einde
van elk tientje een Eer zij den Vader.
EERSTE TIENTJE.
OEFENINGEN TAN GELOOF, HOOP EN VAN LIEFDE.
I.    Ik geloof, o Jesus, uw goddelijke woord, dat
gij zeli onder deze gedaante van brood tegenwoordig
zijt, gelijk gij in den hemel zijt.
Onze Vader.
II.     Ik gelooi, dat gij God de Zoon zijt, eeuwig
gelijk aan den Vader; dat gij door de werking van
den Heiligen Geest het meuschelijk vleesch uit de
allerheiligste Maagd Maria hebt aangenomen.
Onze Vader.
-ocr page 125-
117
III.     Ik geloof, dat gij dezelfde Jesus zijt, die ge-
boren is jit Maria altijd Maagd, als kind aange-
beden door uwe engelen, door de herders en door
de drie Koningen.
Onze Vader.
IV.     Ik geloof, o mijn Verlosser, hier in het Sa-
krament tegenwoordig, dat gij dezelfde Jesus van
Nazareth zijt, die de zieken genezen, de dooden
opgewekt hebt, die aan het kruis geleden heeft en
gestorven is.
Onze Vader.
V.     Ik geloof, eindelijk, dat gij, die nu zit aan
de regterhand uws Vader iu den hemel, en daar
mijne voorspraak zijt, echter waarachtig tegenwoor-
dig zijt in dit Sakrament. mijn voedsel op aarde.
Onze Vader.
V\'. 0 allerbcininnendste .h-sus, die mij in dit
Sakrament een onderpand der toekomstige glorie
hebt nagelaten, ik hoop u, door de verdiensten
van uwen dood en uw lijden, van aanschijn tot
aanschijn in den heinel te zullen zien.
Onze Vader.
VII. 0 Jesus, oorzaak onzer glorievolle verrijze-
nis, ik hoop, door de kracht van dit goddelijk voed-
-ocr page 126-
118
sel, waarmede gij mij spijzigt, glorievol ten eeu-
wigen leven te zullen verrijzen.
Onze Vader.
VIII.     Ik bemin u, o Jesus, die de volmaakte
liefde zijt; die, in uw wezen, waarachtig God en
waarachtig mensch zijt; in wien de schatten der
goedheid, en de volheid der genade, welke tot ons
op deze aarde nederdaald. vervat zijn.
Onze Vader.
IX.     Ik bemin u, dierbare Jesus, die u. uit liet-
de tot mij, aan mij hebt gelijk gemaakt ; wek in
mij de vlam der heilige liefde op. welke gij van
den hemel brengt, opdat ik. u beminnende, in ge-
lijkvormigheid aan u moge toenemen.
Onze Vader.
X.     Ik bemin u, o godJelijke Jesus, mijn Heer
en Meester, dewijl gij mij, arme slaaf der 7onde,
met uw allerkostbaarts bloed verlost en bevrijdt hebt.
0, geef in uwe zoete barmhartigheid, dat ik de volle
vrucht uwer verlossing moge genieten.
Eer zij den Vader. enz.
-ocr page 127-
119
TWEEDE TIENTJE.
OEFENINGEN VAN AANBIDDING.
I.     Ik aanbid u, o levend brood, tot mijn gees-
telijk voedsel van den hemel gedaald; geef mij de
genade om u, in leven en dood. waardig te ont-
Tsngeo.
Onze Vader.
II.     Ik aanbid u, goddelijk voedsel der sterken ;
versterk mijne zwakheid, opdat ik steeds standvastig
en rechtgeloovig in uwe liefde mogen blijven.
Ome Vader.
III.     Ik aanbid u, o mijn Jesus, onder den Sa*
kramenteelen sluier verborgen: geef dat mijn leven,
met u, in God moge verborgen zijn.
Onze Vader.
IV.     Ik aanbid u, groote God, die de eenige weg
zijt; geef dat ik den weg uwer geboden steeds in
het licht van uw voorbeeld moge bewandelen en
zoo de eeuwige zaligheid bereiken.
Onze Vader.
V.     Ik aanbid u, o Jesus, waarachtig een geeste-
lijk leven van al degenen, die u beminnen, geef
mij de genade om mij zelven af te sterven, en voor
u alleen te leven, die ter mijner liefde gestorven zijt.
Onze Vader.
-ocr page 128-
120
VI. Ik aanbid u. mijne dierbare Verlosser, on-
uitsprekelijke waarheid, verlevendig, ik smeek het
u, en vermeerder mijn geloof, opdat het vruchtbaar
moge zijn in goede werken,
Onze Vader.
Vil. Ik aanbid u, o Jesus, goddelijk licht der
wereld; verlicht mijn verstand, opdat ik, u kennende,
u moge beminnen en mij eenmaal eeuwig in den
hemel in u moge verblijden.
Onze Vniler.
VIII.     Ik aaubid u, goddelijke en beminnende
Herder; neem uw gewond schaap tot u, opdat het
uwe kudde nooit meer moge verlaten, om in de
klaauwen van den helschen wolf te vallen.
Onze Vader.
IX.     Ik aanbid u, Lam Gods, die u zelven voor
de zonden der wereld ter slachtbank hebt over-
geleverd; geef dat ik om uwentwil, ter voldoening
voor mijne zonden, al mijn lijden geduldig moge
dragen.
Onze Vader.
X.     Ik aanbid u, o Jesus, Koning van glorie,
Regter der levenden en der dooden; geef dat ik
op aarde uwe rechtvaardigheid zoo vreeze, dat ik
-ocr page 129-
121
in den hemel uwe barmhartigheid eeuwig moge
zingen.
Eere zij den Vader enz.
DERDE TIENTJE.
OEFENIMJEN VAK DANKZEGUING.
I.     Ik bedank u, goddelijke Verlosser, dat gij, niet
evreden met om onzentwil op aarde te komen, dit
aanhiddelijk Sakrament heb ingesteld, om daarin
tot de voleinding der wereld met ons te blijven.
Onze Vader.
II.     Ik dank u. glorievolle Jesus, dat gij uwe on-
eindige majesteit, die uwe engelen tot hunne groote
vreugde aanschouwen, onder de gedaante van brood
en wijn verbergt, om mij daardoor aan te moedigen
tot den troon uwer barmhartigheid te nadeien.
Onze Vader.
III.     Ik dank u, o allerbeininnendste Jesus, dat
gij, u zelven tot voedsel gemaakt hebbende, op deze
tong zijt nedergedaald, die u zoo dikwerf beleedigd
heeft, en dat gij in dit lichaam zijt binnengegaan,
dat helaas.\' te dikwijls heelt verdiend door uwen
toorn bezocht te worden.
Onze Vader.
-ocr page 130-
122
IV.     ik dank u, dierbare Verlosser, dat gij u in
dit onuitsprekelijk Sakrament met zooveel liefde
met mij vereenigt, dat ik daarin in u, en gij in
mij leeft.
Ome Vader.
V.     Ik dank u, o mijn Jesus, dat gij, u zelven
in dit allerheiligst Sakrament aan mij gevende, mij
met de schatten uwer liefde verrijkt hebt, zoodat
gij geen grooter gilt aan mij hebt of weet te geven.
Onze Vadtr.
VI.    Ik dank u, o mijn goede Jesus, dat gij niet
alleen mijn voedsel zijt geworden, maar u ook in
dit hoogheilig Sakrament, als een aanhoudend olfer
voor mijne zaligheid, aan uwen eeuwigen Vader op-
draagt.
Onze Vader.
Vil. Ik dank u, goddelijke Priester, dat gij u,
telken dage, tot aanbidding en huldebcwijs aan de
Allerheiligste Drieëenheid op onze altaren opdraagt,
en onze arme en ellendige aanbidding daardoor
goedmaakt.
Onze Vader.
VIII. Ik dank u, o mijn Verlosser, dat gij ons,
door dit dagelijksch olfer de vruchten van het
offer des kruises overvloedig niededeelt en als zoen»
-ocr page 131-
123
offer ons de genade en de gave der boetvaardig-
heid verwerft.
Onze Vader.
IX.   Ik dank u, dierbare Jesus, dat gij liet on-
waardeerbaar slagtoffer geworden zijt, om de vol-
heid der hemelsche gunsten voor mij te verdienen\'
Wek in mij zulk een vertrouwen op, dat haar
overvloed steeds meer en meer in mijne ziel moge
nederdalen.
Ome Vader.
X.   ik dank u, mijn beminnende Verlosser, dat
gij als dankoffer aan God wordt opgedragen voor al
de geestelijke en lijdelijke guusleti. die Hij mij ver-
leend heelt, en welke ik nog hoop te ontvangen.
Eer zij den Vader, enz.
DEIE VEEZÜCHTINGEN.
TEN SLOTTE.
I. Jesus, onzigtbaar en goddelijk Hoofd uwer
bruid de Kerk, die haar, door uw bloed, van alle
vlek gezuiverd hebt, ontferm u over haar zigtbaar
hoofd, onzen Paus N___, over al de bisschoppen en
herders, bijzonderlijk over onzen bisschop N___,
en stort uwen Heiligen Geest over hen uit, waar-
mede uwe apostelen en leerlingen vervuld zijn.
-ocr page 132-
124
opdat zij uw heilig geloof in vollen luister laten
schitteren, en het licht van uw Evangelie eu van
uwe Katholieke waarheid over de geheele wereld
mogen verspreiden.
Onze Vader.
II.   0 Jesus, Koning der Koningen. Heer der
rijksbestuurders, door wien de koningen regeeren.
en van wien alle aardsche mugt voortkomt, werp
een blik van ontferming over onze vorsten en onze
wereldlijke overheid, stort den geest uwer godde-
lijke wijsheid, goedertierenheid en regtvaardigheid
in hen uit. zoodat zij groot mogen zijn met u, nog
meer dan op de aarde, en met u het hemelsch
koningrijk mogen binnengaan,
Onze Vader.
III.     0 Jesus, allerbarinhartigste Jesus, die den
dood des zondaars niet wilt, maar dat hij zich bekeere
en op geestelijke wijze leve; zegepraal, ik smeek
het u, over de boosheid en de hardvogtigheid van
al degenen die u hardnekkig beleedigen, zoodat zij
uwe genade in deze wereld verkrijgende, de giorie
van uw hemelsch Paradijs gedurende de gansche
eeuwigheid waardig moge worden.
Eer zij den Vader.
Gebeden vivii den Serafljnschen Yader
Frnnciscns Tan Assisië.
Gebed om de goddelijke liefde ie verkrijgen.
Heer Jesus Christus, wij smeekeu u, dat de vurige
-ocr page 133-
125
en zoele kracht uwer lie.de mijne ziel verslindeen
haar vervreemde van al wat onder den hemel is,
opdat ik door liefde tot uwe liefde de wereld af-
sterve, gij, die uit liefde tot mijne liefde u gewaar-
digd hebt aan het kruishout te sterven. Ik smeek
het door u zelven, o Zoon Gods, die, met uwen
Vader en den Heiligen Geest, heerscht in alle eeuwen
der eeuwen. Amen.
IXigelijksch gebed van den II. Franciscu».
Mijn God en mijn al! wie zijt gij, mijn zeer zoete
Heer, mijn God, en wie hen ik, arme aardworm, uw
dienstknecht? Allerheiligste Heer, ik zou u willen
beminnen, allerzoetste Heer, ik zou van liefde tot
u willen branden. Heer mijn God, ik heb u thans
mijn geheele hart en mijn geheele ligchaam gege-
ven, en ik zou vurig weuschen meer ter uwer liefde
te doen, indien ik iets anders wist.
Anima Christ, santificame.
Corpus (Jhristi, salva me.
Sanguis Christi, incbria me.
Aqua fataris Christi, puvilica
me.
Passio Christi, conforta me.
O hone Jcsu, exaudi me.
Intra tuil vulnera, absconde
me.
Ne permittas me scparari
a te.
Ziel van Christus, heilig mij.
Ligchaam van Christus, maak
mij zalig.
Bloed van Christus, maak mij
dronken.
Water van Christus\' zijde zui-
ver mij.
Lijden van Christus, sterk mij.
O goede Jesus. verhoor mij.
Verberg mij in uwe wonden.
I Duld niet dat ik van u ge-
scheiden worde.
-ocr page 134-
12G
Ab hoste maligno defen\'Ie
me.
In hora mortes meae voce
ine.
Et jube me venire ad te.
Ut cum sanctus tuis lau-
dem te.
In secula saeculorum.
Amen.
Ant. O. sacruni convivium,
in quo Christus sumi-
tur, recolitur memoria
Passionis ejus, mens im-
pletur gratia, et futurae
gloriae nobis pigniis üa-
tur.
V. Panem de eoelo prae-
stitisti eis.
K. Omme delectamentum
in se habentcn.
Verdedig mij teg.n den boozen
vijand.
Roep mij in het uur mijns
doods.
Kn beveel dat ik tot u kome
om u met uwe heiligen te
loven in de eeuwen der
eeuwen. Amen.
Ant. O heilig gastmaal, waarop
Christus genuttigd wordt, de
gedachtenis van z(jn Lijden
wordt hernieuwd, de ziel met
genade vervuld, en ons een
onderpand der toekomende
glorie gegeven wordt.
V. Gij hebt hun brood uit den
hemel voorgesteld.
R. Dat alle zoetheid in zich
bevat.
0 re mus.
Deus, que nobis sub facra     O ^od, die ons in dit woudervol
mento mirabili, Passionis        Sacrament, de gedachtenis
tuae memoriam reliquisti;        uws lijdens hebt nagelaten,
tribae, quaesumus, itanos        geef, smeeken wij n, dat wij
corporis et sanguinis tui        de heilige gehfimen uws lig-
sacra mysteiia vcnerari,        chaams en bloeds zoo vcree-
ut redempt ons tuai fruc-        ren, dat wij altijd de vrucht
tum in nobis jugiter sen-        uwer verlossing in one ge-
tiamus. Qui vivcs et reg-         ?oel"n. lJie leeft en heerscht
nas in saecula s;ieculo-        in de eeuwen der eeuwen,
rum. Amen.                           Amen.
Zeg driemaal: God. onze God, zegene ons; God
zegene ons. en dat al   de einden di^r aarde hem
vreezen. Eer zij den Vader enz., driemaal.
-ocr page 135-
127
Gebed tot Jesus iu het Hoogheilig: Saknunout
om zyue liefde te verkregen.
O beminnelijke en aanbiddelijke Jesus, mijn Heer
en mijn God, bron van alle goed; gij zijt het Licht
der wereld, de eenige en zekere weg welke tot
uwen eeuwigen Vader geleidt; gij zijt de Waarheid
die ouze blindheid verlicht, en ons van de dwaling
bevrijdt, de Poort door welke ieder, die daardoor
binnengaat, zalig zal worden. Gij zijt de fontein
des levens, die dat nieuwe Leven der goddelijke
liefde, dat eerst in uws Vaders eeuwigen schoot
verborgen was, dat uwe goedheid en barmhartigheid
heerlijk doet uitschijnen, voor de wereld geopend
hebt. Vervul, overeenkomstig uwe belofte, o Heer,
ouze vreugde, opdat wij allen mogen dienen om
uwe glorie te bevorderen en uwe heilige lielde te
vermeerderen. Stort over ons dat goddelijk licht
uit hetwelk gij in de wereld brengt, opdat alzoo de
liefde, welke uw Vader u toedraagt, in ons moge
zijn, gelijk uw heilig woord ons hopen doet. Geef
ons, dat gelijk hij in n en met u één God is, wij
ook in u mogen zijn door opregte liefde, en met u
vereenigd door eene volmaakte gelijkvormigheid van
leven en gewoonten, zoodat niets in ons moge blijven
dat niet geheel en al aan u onderworpen, en aan
u geheel toegewijd zal wezen; dat wij, der wereld,
het vleesch, ons zelven afgestorven zijnde, door eene
-ocr page 136-
128
geheele outhechting van al wat niet IJ is, voortaan
voor U alleen mogen leven, die leeft en heerscht
in alle eeuwen der eeuwen. Amen,
Be H. V. Paus Pius VI heeft 100
dagen aflaat verleend, eenmaal daags te
verdienen, aan al degenen die, opregt be-
rowohebbend, zullen bidden de woorden:
Geloofd en gedankt z ij ten
allen tijde het allerheiligst
en goddel ij kat Sacrament.
Gedurende het octaaf van H. Sakraments-
dag en op al de donderdagen des jaars,
300 dagen aflaat als men deze woorden drie-
maal zegt. En die ze dagelijks gedurende
eene maand bidt, zal een vollen aflaat ver-
dienen, indien hij, na gebiecht en gecommu-
niceerd te hebben; bidt voor de behoeften
der Heilige Kerk, volgens de meening van
Zijne Heiligheid.
Gebed aan de allerheiligste Maagd en zeer
vermogende Moeder Maria.
Ik zal dit altaar niet verlaten zonder u gegroet
te hebben, o zoete, barmhartige en allerbeminne-
lijkste Koningin. Ik wil mij herinneren boe uw
dienaar, de heilige Bernardus, mij aanmoedigt om
tot u te naderen. Hij verzoekt mij niet uit het oog
-ocr page 137-
129
te verliezen, dat gij niet gewoon zijt de verdiensten
te wegen van degenen, die uw medelijden inroepen,
maar dat gij steeds bereid zijt om al degenen te
verhooren, die hunne toevlugt tot u nemen. Wan-
neer ik u daarom aanroep, leen mij dan een goed-
gunstig oor. Luister dan, o vrouwe, naar mijn ge-
bed. Ik ben een arme zondaar, die duizendmaal
de hel verdiend heeft, maar ik verlang mijn leven
te beteren. Ik zal den God beminnen dien ik zoo
zwaar beleedigd heb. Ellendige als ik beu, geef
ik mij aan u: ik wijd mij als een dienstknecht aan
u toe. Kom dan, o moeder, iemand te hulp, die
niet langer aan zich zelven, maar aan u toebehoort.
Hoort gij mij, o Maria? Ik hoop dat gij mijn nederig
en dringend gebed gehoord en aangenomen hebt.
5
-ocr page 138-
IV.
KORTE GEBEDEK
TOT
het allerheiligst Sakranicnt gedurende de
uitstelling en den zegen.
Oefening van geloof.
O mijn Jesus, ik geloof vast dat gij u hier bevind
onder de sakramenteele gedaante dezer hoogheilige
Hostie, welke wij hier zien; dat gij daar waarachtig
tegenwoordig zijt, gelijk in den hemel. Ik zie u niet,
o mijn aanbiddelijkc Verlosser, met mijne ligchame-
lijke oogen, maar met het oog des geloofs, en ik
ben zekerder van de waarheid uwer waarachtige
tegenwoordigheid, zooals ik u hier zie, dan indien
ik u met de oogen van mijn ligchaam zag. 0 Heer,
neem mijn geloof aan en vermeerder het.
-ocr page 139-
131
Oefening van aanbidding.
In diepe nederigheid voor u nedergeknield, o mijn
God, aanbid ik u, mijn Schepper, mijn Kegler; ver-
herborgen onder den verheven sluijer der sakra-
menteele gedaante, en in gezelschap met de engelen
die uw heilig altaar omringen, zegen ik u. Mijne
arme en zwakke gebeden vereenig ik met de aan-
bidding der hemelsche geesten en al de gezegende
bewoners des hemels; dat hunne verdiensten mijne
onwaardigheid mogen aanvullen.
Oefening van berouw.
Maar helaas, mijn Jesus, wie ben ik, dat ik aldus
in uwe tegenwoordigheid durf verschijnen ? Beu ik
niet de ellendige aardworm, die u duizendwerf zoo
ondaokaar heelt beleedigd ? Ach ! ik zou uwe tegen-
woordigheid liever moeten vlugten, en u in dit ge-
zegend Sakrameut niet moeten komen aanbidden,
indien ik hel oog alleen vestigde op mijne zonden
en mijn schandelijk gedrag tegen u. Maar neen: op
dat altaar waar gij troont, zie ik u in uwen stoel
van barmhartigheid, en daarom waag ik het u te
naderen: Maar in diepen rouw over mijne vorige
zonden, maak ik hel vaste voornemen, om met uwe
genade nooit weder te hervallen. 0 vergeef mij,
beminnende Zaligmaker, en versterk mijn voornemen
door uwe genade.
-ocr page 140-
132
Oefening van bede
O niiiii Jesus, bton van onuitputtelijken zegen,
die, vóór dal gij glorievol ten liemel zijt opgekloui-
inen, uwe apostelen gezegend hebt. zegen mij ook.
en heilig mij niet uweu zegen. Zegen mijn geheugen,
opdat het mij steeds aan u moge herinneren. Zegen
mijn verstand, opdat het altijd aan u moge denken.
Zegen niiju wil, opdat die nooit moge zoeken of
verlangen wat u zou mishagen. Zegen mijn ligchaam
en al zijne handelingen; zegen mij nu en in het
uur van mijnen dood; zegen mij in den tijd en in
de eeuwigheid; en geef dat uw allerheiligste zegen
voor mij het zoete onderpand moge zijn van de
eeuwige gelukzaligheid. Zegen ook mijne broederen,
de geloovigen, die u met elkander in dit gezegend
Sakrament aanbidden; en dat uw zegen eene ver-
meerdering van genade aan de regtvaardigen, en
eene werkdadige opwekking tot eene rouwvolle be-
keering voor al de arme zondaars moge zijn.
-ocr page 141-
TE DEUM LAUDAMUS.
(Zie bladz. (i\'l.j
Daarna:
Psalm 83. Quam riilecta.
Quam dilecta tabermicula
tun, Domme virtutum: con-
cuiiscit et deticit unima
niea in atria Homini.
(\'or meum et euro mca:
exiltaverunt in Deura vi-
vum
Etcnim passerinvenitsibit
domum: et turtur nidiim
sibi, ubi | muit pol us suos.
Altnria tua \'- omine vir-
tutum; Rex raeus, et Deux
mens.
i-iti qui habitant in
domo tua, Domine: in
«ivula saiculorum lauda-
buut te.
lieatus vir cujus est
auxililium abs te: usecnsi-
ones in corde suo disposuit,
in valle lucrymarum, in
loco quem posuit.
Etenim benedictioncm
dabit legislator, ibunt de
virtute in virtutem: vide-
Iloe liefelijk zijn uwe taber-
nakelen, Heer der heerscharen :
mijne ziel verlangt en ver-
smacht naar uwe voorhoven,
Heer.
Mijn hart en mijn vlecsch heb-
ben zich verheugd in den leven-
den God.
Want de muscli heeft haar
huis gevonden: en de duit\'liaar
nest, waar zij hare jongen kan
ncderleggen.
L\'we altaren. Heer der heer-
scharen: mijn Koning en mijn
God.
Zalig zij die in uw huis
wonen, Heer, zij zullen u in
alle eeuwen der eeuwen prijzen.
Gezegend de man wiens hulp
van u komt: in zijn hart heelt
bij besloten om met trappen
op te klimmen, iu het tianen-
dal, in de plaats welke hij
gesteld heeft.
Want de wetgever zal een
zegtn geven, zij zulk.il van
kracht tot kracht gaan: ilc God
-ocr page 142-
134
der goden zal in Sion gezien
worden
Heer God der heirscharen
verhoor mijn gebed, leen uw
oor, God van Jacob.
Zie, God, onze beschermer,
en sla een blik op het aan-
schijn van uwen Christus.
Want een dag in uwc voor-
hoven is heter dan duizend.
Ik heb liever in liet huis
van mijn God een nieteling
willen zijn, dan te wonen in
de tabernakels der zondaren.
Dewijl God barmhartigheid
en waarheid bemint: de Heer
zal genade en glorie geven.
Hij zal degenen die in on-
schuld wandelen niet van goe-
deren berooven: Heer der heer-
scharen, gezegend de nieusch
die op u hoopt.
bitur Deus dcorum in
Sion.
Domine Deus virtitum
cxanili orationem meam:
auribus percipe, Deus Jacob.
c Protector noster aspice
Deus: et respice in faciem
Christi tui.
Quia melior est dies una
in atriis tuis super millia.
Elegi abjectua essc in
domo Dei mei, magis quain
hubitarc in tabernuculis
peccatorum.
Quia misericordiam et
veritatem diligit I)eus;gra-
tiam et gloriam dabit Do-
minos.
Mon privabit bonis eos,
qui ambulant in innocentia
Domine virtutuin, beatus
home, qui sperat in te.
-ocr page 143-
OEFENING
OM DE HEILIGE MIS TE HOOREN,
den Priester volgende en het lijden overwegende. 1)
Gebed aan den Heiligen Geest Tóór de 3Iis.
Kom Heilige Geest, en gewaardig u door uwe heil-
tame genade al de vermogens en al de genegen-
heden mijner ziel te verzamelen ; geef dat ik dit
nanbiddelijk offer met aandacht, met godsvrucht, met
vurigheid bijwone, om daaruit overvloedige vruchten
ter meerdere glorie Gods en ter zaligheid mijner
ziel te trekken, ik verwacht die gunst met ver-
trouwen van uwe goedheid en barmhartigheid Amen.
De priester bidt den Confiteor.
Jeaus werpt zich in den Olijfhof ter aarde en
wordt met een bloedig zweet bedekt.
0 beminnelijke Verlosser! terwijl gij met het
ainschijn in het hof van Gethsemane ter aarde
II Deze H. Mis-, Biecli(- en Communiegebeden zijn ontleend
aan de Werken van den Heiligen Leonaidus a Portu Jlauritio
-ocr page 144-
130
gebogen zijt, is uw hart in een oceaan van bittere
smart gedompeld en uw ligcbaam met een over-
vloedig bloedzweet bedekt... Geef dat, ter berin-
nering aan uw smartvol lijden, mijne oogen ten
minste stroomen van tranen mogen doen vlieten
over dat bloed, hetwelk gij voor mij gestort hebt.
Amen.
üe priester leest »leu Introïtus.
Jesus wordt als een boosdoener voor den lioogeprieste t
Annas gesleept, en ontvangt een kaakslag.
Zoete Verlosser\' gij hebt u «el willen laten bin-
deu en als een misdadiger voor den hoogepriester
slepen, om daar van de harbaarsche Joden een be-
leedigende kaakslag te ontvangen..... Geef\'dat ik,
naar uw voorbeeld, de beleedingen mijner vijanden
met een goed hart moge ontvangen; en dat ik,
ter uwer liefde, de smarten en de wederwaardig-
heden moge dragen, die ik te midden eener onge-
trouwe wereld zal hebben te doorstaan. Amen.
De priester zegt: Kyrie eleisoii.
Jesus wordt verloochend door Petrus.
0 Jesus, mijn Verlosser! De prins der Aposte-
Jen beeft u tot driemaal lafhartig in het huis vai.
Caïphas verloochend...... Ik smeek u zeernederi*
van altijd de slechte gezelschappen van mij te ve--
wijderen, uit vrees dat ik, inedegesleept door niijie
-ocr page 145-
137
zwakheid, in zonde valie en mij rampzalig ver-
wijdere van uwe oneindige goedheid. Amen.
De priester leest den Epistel.
Jesus wordt met beleedigingen overladen en voor
Pilatus beschuldigd.
0 medelijdende Verlosser! gij duldt dat de bar-
baarsche Joden u, overladen met mishandelingen,
voor den regterstoel van Pilatus brengen, waar
valsche getuigen onregtvaardige beschuldigingen
tegen u inbrengen..... Leer mij, ik smeek het
u, de lagen der boozen te vlugten! en geef dat
ik aan mijne heiligmaking arbeide, door te vol-
barden in de beoefening der goede werken, en tot
rnijn laatsten ademtogt het katholiek geloof open-
hartig en opregt te belijden. Amen.
De priester leest het Evangelie.
Jesus wordt van Herodus naar Pilatus gebragt.
0 beminnelijke Verlosser! gij hebt u van He-
rodes naar Pilatus laten slepen, en gij zij t de oorzaak
geworden van de vriendschap, welke van dien dag
af tusschen hen bestaan heeft.... Geef mij kracht
genoeg om de zamenzwering der boozen tegen mij
nooit te vreezen; geef dat de vet volgingen en de
tegenwerking, wel verre van mij te ontmoedigen,
tot mijn geestelijk voordeel verkeeren, door mij hoe
langer hoe meer in de gelijkvormigheid met uwen
heiligen wil te bevestigen. Amen.
5*
-ocr page 146-
138
De priester offert het brood eu den wyn.
Jesus wordt gegeeseld.
O Jesus, mijn Verlosser! om mijne zonden te
boeten en aan de rechtvaardigheid van den eeuwi-
gen Vader Ie voldoen, hebt gij ?an eene kolom
willen gebonden worden en stroomen bloeds onder
de aanhoudende slagen eener smartvolle geeseling
willen storten..... Gewaardig u van dit kostbaar
bloed een heilzaam bad te maken, waarin mijne
ziel gezuiverd wordt van de zonde, opdat zij, in
vereeniging met u en met uwe verdiensten, aan
uwen Vader kunne opgeofferd worden. Amen.
De priester Trasclit de Tingeren.
Pilatus verkondt de onschuld van Jesus.
0 Jesus, mijn Verlosser en mijn God\' terwijl
Pilatus zelf\', uw regier, u vrijspreekt, hoort gij de
oproerige kreten van het joodsche volk, dat tegen
u is opgehitst, en verdraagt gij die met geduld___
Verleen mij de genade om met vasten tred, te
midden eener wankelbare en booze wereld, de pa-
den der deugd te bewandelen, en geef dat ik de
listen en de beleedigingen mijner vijanden met
moed wedersta. Amen.
De Priester leest de prsefatie.
Pilatus veroordeeld Jesus tot den kruisdood.
Mijn zoete Zaligmaker! gij hebt het onregtvaar*
-ocr page 147-
139
dig vonnis, dat u tot den siuadelijken kruisdood
veroordeelde, in stilte aangehoord .... Geef dat ik,
aan den eindpaal mijns levens gekomen, onbevreesd
en ter uwer liefde mijr» doodvonnis moge aaune-
incii. al werd ik zelfs tot den wreedsten dood ver-
oordeeld, en dal ik mijne ziel met kalmte in uwe
hxnden aanhevele. Amen.
Dc priester bidt voor de levenden.
Jesus beklimt den Kalvarieberg, zijn kruis dragende.
Barmhartige Verlosser! gij hebt zulk een zwaar
kruis, ter verlossing der wereld en in \'t bijzonder
voor mijne zaligheid, lot op den kruin van den Kal-
varieberg op uwe schouderen willen dragen ....
Geef dat ik, om u na te volgen, ook van ganscher
harte het kruis der versterving en der wederwaar-
digheden dezes levens omhelze, en verleen rnij de
genade het geduldig ter uwer liefde, indien het
noodig is tot den dood te dragen. Amen.
De priester heft de H. Hostie omhoog\'.
Jesu* wordt aan het kruis opgeheven.
Zoete Zaligmaker! nadat onmenschelijke beulen
uwe banden en uwe voeten wreeduardig doorboord
hadden, zijl gij aan het kruis tusschen hemel en
aarde opgeheven...... Hef, ik smeek het u, door
uwe oneindige goedheid en barmhartigheid, mijne
ziel boven de aardsche genegenheden en gedachten
-ocr page 148-
140
op, opdat ik mij alleen met uw heilig Lijdeu en
uwen Dood bezig houde, en met de eeuwige goe-
deren, welke gij mij in den hemel bereidt. Amen.
De priester heft den kelk omhoog.
Het bloed loopt overvloedig uit de wonden des
Verlossers.
0 Jesus, mijn Heer en mijn Godl gij hebt stroo-
men van genade uit uwe heilige wonden willen
doen vlieten...... Geel dat ik vaardig mijne
toevlugt neme tot die heilbronnen, wanneer ik
onverwachts door kwade gedachten en booze in-
blazingen word overvallen, en dat ik daar de kracht
en al de hulpmiddelen putte, welke ik behoef, om
aanhoudend tol mijn laatsten adem over mijne
vijanden te zegevieren. Amen.
De priester bidt voor de overledenen.
Jesus bidt voor de zaligheid van \'t menschelyk
geslacht.
0 beminnelijke Verlosser! terwijl gij zulke smart-
volle pijniging aan het kruis ondergaat, bidt gij
den eeuwigen Vader voor de zaligheid van het ge-
heele menschelijk geslacht en van uwe beulen zel-
ven...... Ontsteek in mijn hart het heilig vuur
uwer liefde, opdat ik voortaan door uw voorbeeld
opgewekt, den evennaaste opregtelijk leere bernin-
nen, en zelfs aan mijne vijanden goed doe. Amen.
-ocr page 149-
141
De priester bidt liet Onze Vader.
Jesus beveelt zijne Moeder aan den heiligen Joannes
en dezen aan zijne Moeder.
Mijn lieer Jesus! op het oogenblik dat gij aan
het kruis stierft, bevalt gij uwe goddelijke Moe-
der, de gelukzalige Maagd, aan den heiligen
Joannes, en dezen beminden leerling aan uwe
goddelijke Moeder...... Veroorloof mij, dat ik
u mijn ligchaam en mijne ziel aanbevele; neem
mij al de dagen mijns levens onder uwe bescher-
ming. opdat ik met vasten tred den weg des heils
en der volmaaktheid bewandele. Amen.
De priester verdeeld de hostie en doet een
gedeelte in den kelk.
Jesus daalt met zijne ziel in het voorgeborgle
der hel neder.
Mijn zoete Jesus, die in hel voorgeborgte der
hel zijt afgedaald om de zielen der heilige Vaders
door uwe goddelijke tegenwoordigheid te verheu-
gen; laat, ik smeek het u, de verdiensten van uw
kostbaar bloed en van uw smartvol lijden op al de
heilige zielen in het vagevuur afdalen, opdat zij,
bevrijd van de hevige pijnen die zij lijden, deel-
achtig mogen worden aan uwe glorie in den hemel.
Amen.
-ocr page 150-
142
De priester zegt het Agnus Dei.
Be joden dalen den Kalverieberg af, zich op de
borst Hoppende.
O mijn Jesus! liet schouwspel van uwen dood
heeft een groot getal Joden levendig getroffen; zij
hebben huune dwalingen erkend en hunne zonden
opregt beweend .... Gewaardig u mij door de kracht
van dien heilzamen dood de genade te verleenen,
om ook mijne zonden met bittere tranen te be-
weenen. Amen.
De priester Communiceert.
Jesus wordt in een nieuw qraf gelegd.
Mijn zoele Zaligmaker, die, ter verlossing van het
menschelijk geslacht, hebt veroorloofd dat uw god-
dellijk ligchaam in een nieuw graf gelegd werd;
gewaardig u, ik smeek het u, ook mijn hart en
mijne ziel te hernieuwen, door bezit van hen te
nemen. Amen.
Do priester gpeeft den zegen.
Jesus zegent de Apostelen vóór dal /tij hen verlaat
en, ten hemel opgeklommen, zend hij hun den
Heiligen Geest.
0 beminnelijke Verlosser! terwijl uwe discipelen
in het gebed volharden, hebt gij hun uwen Hei-
ligen Geest uit den hemel \'gezonden om hen te
-ocr page 151-
143
troosten..... Zuiver, bid ik u, mijn hart door uwe
heilige genade, opdat uw Heilige (leest daarin eene
woonstede vinde die hem aangenaam is, en dat hij
die verrijke met zijne gaven. Amen.
Gebed na een stille II. Mis.
Driemaal het Wees gegroet Maria enz.
Daarna eenmaal:
• Wees gegroet, o Koningin, Moeder van harm-
hartigheid; ons leven, onze zoetheid en onze hoop,
wees gegroet. Tot U roepen wij, ballingen, kinderen
van Eva. Tot U smeeken wij, zuchtend en weenend
in dit dal van tranen. Daarom dan, onze Voorspreek-
ster, ach, sla op ons Uwe zoo barmhartige oogen;
en toon ons, na deze ballingschap, Jesus, de ge-
zegende vrucht Uws ligchaams; o goedertierene, o
meêdoogende, o zoete maagd Maria,
• Bid voor ons, H. Moeder Gods,
• Opdat wij de beloften van Christus waardig worden.
LAAT ONS BIDDEN.
• 0 God, onze toevlugt en onze kracht, verhoorde
godvruchtige gebeden Uwer Kerk en geef, dat wij
door de voorspraak der glorierijke en onbevlekte
Maagd en Moeder Gods Maiia, van den II. Joseph,
van Uwe gelukzalige Apostelen Petrus en Paulus
en alle Heiligen, datgene met der daad mogen ver-
werven, wat wij in de tegenwoordige behoeften
ootmoedig vragen. Door denzelfden Christus Onzen
Heer. Amen."
-ocr page 152-
144
BIECHTOEFENING.
Manier om goed te biechten voor vrome cliris»
teuen en die dikwerf te biechten gaan.
f ooi bereiding tot de biecht.
Godvruchtige lieden handelen dikwijls wezenlijk
verkeerd onder den schijn van goed te doen. Daarom
moet hun onderzoek voornamelijk over de volgende
punten loopen:
0( zij niet verzuimd hebben hunne schulden te
betalen en andere verplichtingen van regtvaardig-
heid te voldoen, om aalmoezen te kunnen geven
en deel te kunnen nemen aan zekere goede werken ;
want de regtvaardigheid mag niet verwaarloosd
worden ter wille der liefdadigheid.
Of zij niet door te lang in de kerk te blijven
en te veel te bidden, in hun huis wanorde en er-
gernis hebben veroorzaakt, iets wat moet vermeden
worden.
Of zij met betrekking tot hunne ligchamelijke
boetedoening en andere devotièn hun eigen goed-
dunken volgen of hun geestelijken vader raadplegen.
Of zij hunne geestelijke oefeningen niet zonder
reden nalaten.
Of\' zij hechten aan hun eigen oordeel, weigeren
den raad van wijze en omzigtige lieden te volgen.
Dat is klaarblijkelijk zich zelf misleiden. Men
moet vervolgens een onderzoek instellen naar de
-ocr page 153-
145
zonden, welke men op deze wijze bedreven heelt.
Men moet zich onderzoeken, omtrent de gedachten:
of men vermetel of weinig liefderijk geweest is in
het beoordeelen van zijn evenmensen; of men vrij»
willig die gedachten heelt onderhouden; of men
verlangt heeft den evennaaste nadeel toe te bren-
gen; of men gevoelens van haat, algekeerdheid,
wraak, of slechte gedachten heeft gekoesterd, enz.
Vervolgens moet men de zonden door woorden
onderzoeken; oneerbaren gesprekken, kwaadspre-
ken, laster, beleedigingen enz.
Daarna moet men tot de werken overgaan , te
weten: of men zijne geboden en pligten heeft
onderhouden, de pligten van zijn staat, de beloften
aan God gedaan; of men den evennaaste geen na-
deel of ongenoegen heeft toegebragt; of men zich
niet aan gelegenheid heeft blootgesteld om God
te beleedigen, anderen niet in die gelegenheid
gebragt enz.
Raadgevingen voor de biecht.
Bij de voorgaande raadgevingen zullen wij nog
de volgenden voegen:
1. Men moet zich niet bepalen bij algemeene
beschuldigingen zooals: ik beschuldig mij dat ik
niet genoeg liefde voor God heb gehad, dat ik ijdele
woorden heb gesproken, enz. Treed in de bijzon-
derheden van uwe zonden, door, bij voorbeeld, te
zeggen: ik beschuldig mij van deze of gene be-
-ocr page 154-
146
leediging aan den naaste te hebben gedaan, enz.,
opdat de biechtvader eene stellige stof tot absolutie
hebbe; en dan kunt gij aan liet einde van uwe
biecht u in \'t algemeen beschuldigen van al de
zonden van uw vroeger leven en met name van
eene of meer doodzonden, of van dagelijksche zonden,
die u nog bijzonder leed doen.
2 Draag zorg dat gij niet gaat biechten uit ge-
woonte, zoooals al te dikwijls geschiedt, maar met
het inzigt om u te beteren.
3.   Wees niet langdradig en uwen biechtvader tot
last door in onnoodige herhaling te vervallen.
4.   Beschuldig u eenvoudig van uwe zonden en
tracht niet ze te vergoelijken.
5.   Vraag, ten slotte, aan uwen biechtvader raad
betrekkelijk de heilige communie 1).
6.   Ontvang met nederigheid de absolutie, en
hernieuw iutusschen in uw hart oefeningen van be-
rouw op over de beleedigingen welke gij God hebt
aangedaan.
Gebed voor hei gewetensonderzoek.
0 Jesus, goddelijke Verlosser! dieiederen mensch
die in deze wereld komt verlicht, verspreid, bid ik
1) Het spreekt van zelf dat de Gel. Lconardus hier niet be-
doeld kan hebben, dat do biechteling telkens aan zim zielzorger
zal vragen of deze goedkeurt dat hij tot do Heilige Tafel nadert,
maar dat dit vragen van raad alleen ziet op communicn buiten
den eenmaal door don biechtvader ges\'olden regel.
-ocr page 155-
147
n, uw liclit t:n uwe genüden in mijne ziel. opdat
ik al mijne zonden kenne, ze uit den grond mijns
harten vertbeije en ze zód belijde. dat ik u volkomen
moge voldoen. Verhoor mij tot lof en glorie van
uw oneindige barmhartigheid, ter eere van uwe god-
delijke Moeder altijd Maagd, van alle Heiligen, opdat
ik u met hen door al de eeuwen der eeuwen moge
verheerlijken. Amen.
Gebed na hel gewetensonderzoek.
Ik erken en belijd, o mijn (iod! dat ik door
mijne zonden verdiend heb nu in het diepste der
hel hegraven te zijn, maar uwe barmhartigheid
beeft mij den tijd gegeven om mij daarvan te
bevrijden door middel der biecht, welke ik zal
doen. Ik vraag u de genade, o mijn Jesus, om
mijne zonden te belijden met eene opregte smart
en een opregt voornemen om ze niet meer te
bedrijven, liet zou beter voor mij zijn dat ik
zou sterven dan weder in zonden te hervallen,
daarom verklaar ik liever te willen sterven dan u op
nieuw te beleedigen. Zie, Heer, als een misdadiger,
lig ik voor uwe voeten neder, ik smeek met de ge-
voelens van het levendigste berouw vergiffenis voor
zooveel beleedigingen, waarmede ik uwe goddelijke
Majesteit heb gehoond. Ik oller u de poenitentie,
die ik zal ontvangen, al het goed dat ik zal doen,
al de smarten die ik zal verduren, in den geest van
boetvaardigheid, ter voldoening voor mijne zonden
-ocr page 156-
148
op; ik heb er een opregt berouw over en vraag
er u nederig vergiffenis voor.
Gebed na de Biecht.
Ik dank u, o mijn Jesus! dat gij de ketenen ver-
brok en hebt, met welke de duivel mij gevangen
hield, om mij in de hel te slepen. Bewaar voor
altijd in mijn hart den troost, dien ik ontwaar, van
uwe vriendschap te hebben herkregen, door mij in
het heilzaam bad der boetvaardigheid te zuiveren.
En dewijl ik het aan uwe barmhartigheid verscbul-
digd beu. dat ik mij nu niet in de hel bevind, wil
ik het oveiige mijns levens geheel aan u wijden en
het tot uwe dienst gebruiken, eu zal ik voortaan
alle zouden vermijden, ten einde niet meer in
dien afgrond van ellende te vallen, waaruit gij mij
getrokken hebt. Versterk mij, o mijn Jesus! verlicht
mij, opdat ik voortaan de strikken des duivels ont-
dekke en aan alle verleiding weerstand biede, om
u in dit en in het andere leven te zegenen en te
loven. Amen.
I.
Oefeningrcii voor de communie.
Ik onderstel dat gij, om u voor te bereiden tot
het ontvangen van bet Itrood der Engelen, eene
heilige biecht hebt gedaan met het vaste voornemen
om de zonde te verzaken. Stel u dan voor dat gij.
-ocr page 157-
149
tot de Heilige Tafel naderende, vergezeld zijt van
eene menigte engelen, die u eene heilige afgunst
toedragen, van vege het geluk dat gij dit goddelijk
Sakrament zult ontvangen, dat hun niet verleend
is. Beschouw de oneindige majesteit Gods, die zich
in zekeren zin onder de gedaante van het hrood
vernietigt, om uw voedsel te worden. Nader tot
dien hemelschen maaltijd met het besluit om u ge-
heel aan God te geven, dewijl hij zich geheel aan
u schenkt; ga daarheen met het doel om van God
de kracht te verkrijgen, die gij uoodig heht om hem
te dienen en de zoude te vlugten, en niet uit men-
schelijk opzicht of met e<:n ander onedel doel. Gij
moet met de godsvrucht de volgende oefening bid-
den om de goedheid Gods te bewonderen en u voor
zijne opperste majesteit te vernietigen.
Oefening van bewondering en nederigheid.
Gij alleen, o God mijner ziel! gij alleen begrijpt
welke schatten van genaden en van verdiensten
gij mij dezen morgen hebt bereid, hoe ellendig ik
ook ben; gij alleen ook kunt mij waardig maken
om uw aanbiddelijk ligchaain te ontvangen. Daarom
neem ik mijne toevlugt tot u, opdat gij in mijne ziel
eene uwer goddelijke majesteit waardige woonplaats
gelieft te bereiden; want niemand anders dan gij
zoudt het kunnen doen. Eu gij, mijne ziel, werp
u haastig in de afgronden van genaden, welke voor
u geopend zijn. Zijt gij ziek? Ziehier de genees-
-ocr page 158-
150
heer die zich zeil tot uw geneesmiddel heelt ge-
maakt en u zal genezen. Zijt gij koud? Ziehier
het vuur dat u zal verwarmen. Zijt gij zwak?
Ziehier de sterke, die u zal versterken, ü welbe-
minde Verlosser! verlicht mijn verstand,zuiver mijn
hart, ontvlam mijnen wil: opdat ik in staat moge
zijn u minder onwaardig te ontvangen. Ik weet
dat al wal ik zou kunnen doen onvoldoende zou
wezen, indien gij zelf u niet gewaardigdet mij tot
zulk eene heilige daad voor te bereiden. Geef mij
dan op dit oogenblik, o mijn Jesus! eene vurige
lielde en eene volmaakte zuiverheid van geweten,
opdat ik tot u kunne naderen, om mij geheel in
u te vervormen, en voortaan slechts in en om u
te leven.
Aanroeping van de Heilige Maagd,
O zoete en barmhartige inaag\'d Mat ia. Moeder
van Jesus Christus, mijn Verlosser! ik roep uwe
tusschenkomst in en ik smeek u vurig, dat gij al
wat u en uwen gorldelijken Zoon in mij mishaagt,
uit mijn hart gelieft weg te nemen; gelief hem in
mij eene zuivere, heilige, aangename woning voor
te bereiden, in één woord eene woning zijner
opperste majesteit waardig. Ik bid u, verrijk mijne
arme ziel met uwe verdiensten, versier haar met
uwe deugden, en maak haar zoo, als uw welbe-
minile Zoon, mijn God en miju Verlosser, verlangt.
Amen.
-ocr page 159-
151
Aanroeping tot de heilige engelen.
O glorievolle koren der Engelen en tier Aarts-
engelen, der Troonen en der Heerschappijen, der
Vorstendommen en der Magten, hemelsclie Krach-
ten, CheruKynen en Seiaphyoen, en gij allen, Heili-
gen vau het paradijs, gij in \'t bijzonder NN. mijn
heilige patroon, ik bid u met al de vurigheid mij-
ner ziel, dat gij u gewaardigt mijne voorspraak te
zijn bij den Allerhoogste, opdat ik waardig tot dit
verheven Sakrament moge naderen, ter meerdere
glorie van zijn heiligen Naam, tot mijn geestelijk
nut en dat der geiieele Kerk. Amen.
Na de communie.
Nadat gij het brood der Engelen ontvangen hebt,
moet gij u voorstellen, dat uwe ziel een paradijs
is geworden, dewijl zij inderdaad den God bezit,
wiens tegenwoordigheid het geluk uitmaakt van de
uitverkorenen in den hemel. Laat derhalve op
dezen dag geen wereldsche gedachten in uw hart
binnensluipen , overweeg dat degene, die de eer heeft
een doorluchtig persoon in zijne woning te huis-
vesten, aan niets anders deukt dan hein te beha-
gen: zoo moet ook gij doen, dewijl de Koning der
koningen iu uwe ziel verblijft; wees ingetogener
dan de andere dagen en vermijd de gezelschappen,
-ocr page 160-
152
welke u van de gedachte aan uweu God zouden
kunnen aftrekken; bedank hem voor de uitnemende
genade, welke hij u heelt gedaan door zich zeil
aan u te geven, en bid aldus:
Oejeniny van dankbetuiging.
Engelen des hemels, komt uw hof maken aan
mijnen God; helpt mij om hem te bedanken voor
de onuitsprekelijke genade, welke hij mij heden
heeft verleend. Maar de Engelen zelven, o mijn
Verlosser, zijn niet in slaat om u zóó te bedanken
als gij verdient. Ik smeek u dan nederig dat gij
u zelven gelieft te bedanken; want al de dankzeg-
ging behalve die, welke een God zich zelven kan
aandoen, zou te kort schieten om dien God te be-
danken, dat hij tot mij, elleudigen zondaar, heeft
willen afdalen. Wat ik doen kan, het is niet an-
ders dan te verstommen en mij zelven te vernie-
tigen bij bet zien van de overmaat uwer liefde.
Ziedaar mijn niet; ik kan u niets anders aanbieden
om u mijne dankbaarheid te betuigen; ik bezit
niets anders. Gij hebt mij een vrijen wil gegeven,
maar ik geef u dien weder, o mijn God! dat hij u
volkomen onderworpen zij. En dewijl gij de edel-
moedigheid zoover uitstrekt, dat gij genaden op
genaden stapelt, bid ik u, dat gij u zelven in mij
moogt bewaren, opdat ik niet meer voor mij zelven,
maar voor en om u, leve; bewaar dan met de
-ocr page 161-
153
grootste zorgvuldigheid in mijne ziel de hcmelsche
schatten, welke gij daarin dezen morgen hebt ne-
dergelegd.
II.
Voor de cominuuic.
Oefening van geloof.
0 mijne ziel, verlevendig het goddelijk gelool,
\'t welk u leert dat uw mensch geworden God iu
het allei heiligst Sakrament tegenwoordig is. Ja,
dezelfde Jesus, die als een klein kind in den stal
van Bethleheni is geboren. Jesus die zegevierend
is verrezen, Jesus, nu gezeten in de glorie aan de
regterhand Gods zijns Vaders, is ook onder deze
gedaante van brood. 0 gelool! o gelool! Wat
kan men meer zeggen? Een God zal in mijn hart
komen en mijn voedsel w oi den !...... Een God !___
Mijn Jesus, onfeilbare waarheid, ik geloof dewijl
gij het geopenbaard hebt, oat gij geheel, met uw
ligchaam, met uwe ziel en uwe godheid in dit tl.
Sakrament tegenwoordig zijt. Ik geloof dat ik iu
de heilige communie dien/elfden Jesus ontvang,
die is mensch geworden, die is geboren, gestorven
en \\errezen; en dat ik terzelfder tijd den Vader
en den Heiligen Geest ontvang, die zich, door ver-
zelling, met Jesus in het allerheiligst Sakrament
bevinden.
-ocr page 162-
154
Oefening van aanbidding.
I) mijne ziel! wat doet gij? Waaraan denkt gij?
Binnen weinige oogenblikken zal een God u bezoe-
ken! — 0 mijn God, ik verneder mij diep voor
uwe oneindige majesteit en ik aanbid u! Ik aan-
bid u, mijn welbeminde Jesus, in dit verheven Sa-
kramcnt. Heilige Maagd, Engelen en Heiligen, zui-
vere zieleu die God bemint, aanbidt mijnen Jesus
met mij; vult mijne oninagt en mijne koudheid
aan; verkrijgt voor mij een levendig geloof en een
diepen eerbied, nu ik op het punt ben van Jesus
Christus te ontvangen.
Oefening van hoop.
Wat kan u ontbreken, o mijne ziel. terwijl een
God u komt bezoeken? Hij komt om u te ver-
lichten, om zich hart aan hart met u te vereeni-
gen, om u een levend onderpand te geven van
de glorie, welke hij u in het paradijs voorbe-
houdt. Open u, mijne ziel! verdubbel uw ver-
trouwen; weet dat gij zult verkrijgen in evenre-
digbeid van uwe hoop. Uw Jesus is almagtig, hij
kan u met goederen verrijken, hij behoeft slechts
de hand te openen. Uw Jesus is voor u een
vader, hij heeft u teeder lief, hij wil u met
gunsten overladen. Uw Jesus is getrouw in zijne
beloften; hij heeft zich verbonden om u te
-ocr page 163-
155
verhooren, hij is verpligt zijn woord te houden;
hij moet u zijne genaden verleenen. Wilt gij u
dan verrijken? gij behoeft slechts met een leven-
dig vertrouwen te vragen en te hopen.
ü mijn Jesus, mijne hoop! vol vertrouwen in
uwe beloften en uwe oneindige barmhartigheid, uit
kracht van het bloed dat gij voor mij gestort hebt,
hoop ik dat gij, in mij komende, mijne ziel zult
heiligen, dat gij in haar hemelsche verlangens zult
opwekken, opdat zij leve en sterve, u alleen, o
oneindig goed, slechts beminnende. Ja. barmhar-
tige God, God op wien al mijne hoop gevestigd is,
heiligmaker der zielen, heilig mij !
Oefening van liefde.
0 mijn Jesus, mijne liefde, en de (iod mijner
ziel, wat zijt gij goed! wat zijt gij beminnelijk wat
zijt gij zoet en waardig hemind te «orden! 0 mijn
God, ik bemin u uit geheel mijne ziel, uit geheel
mijn hart, uit geheel mijn verstand, uit al mijne
krachten: ik bemin u meer dan mijn leven, meer
dan mij zelven, o eenig voorwerp mijner verlangens,
mijn begin en mijn einde! 0! waarom heb ik geen
oneindig getal tongen om u te loven en te zege-
nen! 0! mogt ik, het koste wat het wil, uwen
heiligen naam door de gausche wereld verkondigen,
om dien te doen kennen en beminnen! 0 God!
ik zou mij ter uwer liefde willen slagtofferen, ik
-ocr page 164-
156
zou van liefje willen verbranden, ik zoude u willen
zegenen, bedanken, beminnen met de liefde /clts
dei\' allerheiligste Maagd en meer dan al de schep-
selen te zaïnen. Ik bemin u, o mijn Jesus, mijn
schal, mijn vader, mijn leven, mijne hoop, mijn
paradijs! Bruidegom mijner ziel, ik bemin u. want
gij zijt alle liefde waardig, gij zijt mijn God. Ach!
Heer, ik zou geheel liefde willen zijn. en niels
anders doen dan u liefhebben. —• 0 mijne ziel,
door God geschapen om God te beminnen, bemin
uwen God. Mijn hart, gij kunt geen vrede, geen
rust buiten God vinden; verban dan alle aardsche
genegenheden, en ontvang uwen God. — Ach!
Moeder der heilige liefde, geef dat ik God beminne.
Oefening van berouw.
Maai\' boe zijl gij \\ermctel genoeg, o mijne ziel.
om een God van oneindige zuiverheid, heiligheid
en majesteit te ontvangen, gij die een afgrond van
ondeugden, ondankbaarheid en zonden zijt? ller-
innert gij u niet hoe trouweloos gij tegen uwen
God zijt geweest? Ach hoeveel maal zijt gij niet
wreeder en smartvoller voor Jesus geweest dan de
Kalvarieberg zelf en het kruis? Gij hebt hem in
u gekruisigd, dien goddelijken Verlosser, telkenmale
als gij eene doodzonde hebt begaan.
0 zoete Jesus. liet is waar, door mijne zonde
heb ik u met doornen gekroond, heb ik u aan
-ocr page 165-
157
het kruis geklonken, heb ik u met gal gelaaid,
heb ik uwe zijde doorstoken, heb ik u den dood
aangedaan. Neen ik ben niet waardig te leven,
veel minder om u Ie ontvangen. Ik verdien, dat
de aarde mij inzwelge, dat het vuur des hemels
mij tot asch verteere, dat al de schepselen tegen
mij opslaan. Maar, o mijn God! wat zijt gij goed!
Ofschoon ik uw bloed zoo veel malen met voeten
getreden, uwen htiligeu naam onteerd, uw gezag
veracht heb, wilt gij mij niet alleen wel vergiffenis
scheuken, maar gij zijt de eerste om mij den vrede
voor te stellen, en door middel van eene ware
boetvaardigheid vergeet gij ui mijne zonden, her-
stelt gij mij in uwe genade, en ontvangt gij mij
op nieuw onder het getal uwer vrienden en uwer
kinderen. Zoo handelt een God alleen! Ach! ik
zou van smart willen sterven, dat ik zulk een
goeden God beleedigd heb! Ik heb berouw, o
opperste Goed, u mishaagd te hebben. Vergeef
mij. Heer! niet dat ik mij vooral om mijn eigen
belang bekommer: al wat ik begeer is, dat gij
voortaan in mij geëerd en verheerlijkt wordet, en
dat ik nooit meer het ongeluk hebbe u te belee-
digen. Wasch mijne ziel in uw kostbaar bloed, o
welbeminde Jesus! maak haar waardig om uwe on-
eindige Majesteit tot woonstede te dienen. — Ilei-
lige Maagd Maria, verkrijg mij tranen van een vol-
maakt berouw.
-ocr page 166-
158
Oefening van nederigheid,
liet oogenblik is gekomen, o mijn Jesus, dat gij
in de magt van een grooleu zondaar zult gesteld
•worden: heb geduld, verdraag mij, ik smeek u dit
door de ingewanden uwer barmhartigheid. Indien
ik niet verdien u te ontvangen en te beminnen.
Heer, gij zijl wel waardig dat ik u ontvange en
beminne. Bereid mij dan zelf ter uwer eere; maak
mij zulk eene gunst waardig; geef mij al wat mij
ontbreekt, maak van mij al wat gij wilt dat ik
zal zijn.
0 mijne ziel, het gelukkig oogenblik is geko-
men, het oogenblik, waarop gij uweu welbeminde
zult ontvangen. Ziehier de Koning der koningen,
de Heer der heeren; ziehier uw vriend, uw vader,
uw bruidegom, ziehier degene, die de vreugde
van het paradijs, de geneugten der gelukzaligen
uitmaakt; ziehier God zelf, in de goddelijke Eucha-
ristii;: Ecce sponsus venit. exite ohviam ei: ziet de
bruidegom komt, gaat uil hem te gemoet. (Matth.
25: 6). Maar hoe komt het dat gij zoo koud zijt, o
mijne ziel, dat gij niet brand van verlangen om u
met dit heilig vleesch te voeden? Ach! terwijl de
overvloed der goddelijke barmhartigheid u van liefde
moest branden, zijt gij koud als ijs! Indien gij
slechts een enkelen keer in uw leven mogt com-
municeeren, o, met welken ijver zoudt gij het niet
doen ? En dewijl deze oneindige goedheid altijd ter
-ocr page 167-
159
uwer beschikking is, zoudt gij zoo laauw. zoo ver-
strooid zijn, als gij zulk eeu glooien God moet ont-
vangen! De van liefde blakende zielen verzuchten
met vurigheid, en snellen, als het dorstige hert,
naar die bron van levend •water. Ontwaak dan uit
uwe sluimering, o mijne ziel, wek in u het vurigst
verlangen op om Jesus Christus te ontvangen. Ver-
zucht jaar dat opperste Goed, verlang het, vraag
het met tranen, met zuchten, en vooral met een
van heilige liefde brandend hart.
Oejening van verlangen.
Kom, goddelijk voedsel, kom mijne ziel spijzigen.
Brandoveu van liefde, kom mij ontvlammen. Liefde-
vlam, kom het heilig vuur in mij ontsteken. Kom,
hetnelsche Herder, kom mij geleiden. Kom, o mijn
Vader, mijn Bruidegom, mijn schat, mijn leven,
mijne geneugten. Kom, eenige voorwerp mijner
zuchten. Kom, licht der zielen, opbeuring der harten,
hoop der bedrukten. Kom, o gij die de verwachting
der volken waart, naar wien de aartsvaders ver-
zucht hebben, de Verlangde der eeuwige heuvelen.
Kom, o vreugde der Engelen, blijdschap van het
paradijs, kom ; ik verlang, ik verzucht naar u, kom ;
gij hebt eene liefdewond in mijn hart geslagen,
kom, blijf niet langer uit, want zonder u verkwijn
ik. Ik durf niet meer zonder u leven: ik smeek
bet u dau, o mijn Jesus, kom.
-ocr page 168-
1Ü0
Heilige maagd, ik ga aanstonds uwen Jesus en
den mijnen ontvangen. Ik verlang hem uit uwe
handen te ontvangen: bied zelve hem mij aan, gelijk
gij hein eertijds aan de herders, aan de Driekoningen,
aan den heiligen grijsaard Simeon aanboodt. Ver-
krijg mij die gesteldheid, dat ik hem met liefde
ontvange, en smeek hem mij met zijne zoetste zege-
ningen te vertroosten, bij welke ik u bid ook de
uwe te willen voegen.
Oefening van opdragt.
Ik verklaar, o mijn Gol, dat het mijne inten-
tie is, om deze communie te vereenigen met de
communiën der allerheiligste Maagd, der Apos-
telen, der Heiligen en van alle regtvaardige
zielen, die u dezen dag ontvangen, en u in het
vervolg zullen ontvangen. Ik heb de meening om
al de oefeningen van voorbereiding en de dank-
zeggingen met dezelfde vurigheid te doen, als zij
dat zelven gedaan hebben, en ze u op te dragen
in vereeniging met de deugden, de verdiensten en
de goddelijke heiligheid, waarmede gij zelf\', o Jesus,
aan het Laatste Avondmaal, dit 11. Sakrament hebt
ingesteld. Dal de zegevierende en de strijdende
Kerk al datgene gelieven aan te vullen, wat mij
ontbreekt.
-ocr page 169-
lül
Na de communie.
Oefening van dankbetuiging.
Zie, uu zijn al mijne verlangens voldaan, al mijne
vurigheid is verzadigd: mijn God is mij eindelijk
komen bezoeken; Jesus is in mijn binnenste; ik
behoor niet meer mij zelven. maar Jesus toe; ik
leef niet meer in mij. ik leef in Jesus en Jesus leeft in
mij; ik behoor geheel aan Jesus en Jesus is geheel
de mijne. 0 ! oneindige goedheid ! Een (iod is neder-
gedaald op de tong, in den boezem, in het hart
van zulk een laag. zulk een onwaardig schepsel als
ik ben.\' Mijne ziel, waar denkt gij aan? Nu zijt
gij in het bezit van den schat, naar welken gij ver»
zuchttet; nu zijt gij geheel geheiligd door Jesus, geheel
veranderd in Jesus; Jesus en gij maken slechts één
uit. 0 zoete en bewonderenswaardige vereeniging!
Maar boe? gij zijt nu zoo naauw met Jesus ver-
eenigd, mijne ziel, en zegt gij hem niets? spreekt
gij niet met uwen God, die in uwe armen, in het
midden uws harten is? Houd u dan geheel met
hem bezig, vat al uwe genegenheden zamen, om
uw naauw aan het hart van uwen Jesus te drukken,
hem te aanbidden en te zeggen:
Zijt welkom, o zoete Jesus, in het huis mijner
ziel. 0! hoe lang reeds verzuchtte ik naar dit ge-
lukkige oogeablik! Maar hoe ben ik nu door mede-
lijden getroffen, als ik u in dit hart zie wonen, dat
veel hardvochtiger en kouder is dan de stal in
6
-ocr page 170-
1Ü2
welken gij geboren zijt, veel smartelijker dan de
Kalvarieberg zelf; dewijl het niet een-. maar bon»
derd-, maar duizendmaal is, dat ik uw lijden en
uwen dood door mijne zonden heb vernieuwd!
Heer, wat vindt gij anders in mij dan onverschil-
ligheid ten uwen opzigte en genegenheid voor de
schepselen? Ach! mijn God, hoe zijt gij in mijn
huis komen wonen? Ik zou u, gelijk de heilige
Petrus, willen zeggen: Ga weg van mij. God van
majesteit, verwijder u uit deze door de zonde be-
smeurde ziel, en die niet waardig is een gast gelijk
gij zijt te huisvesten: Exl a me. qnia homo pecca-
tor sum, Domine
1). Ga in die zuivere en vurige
zielen rusten, die u zoo teeder ontvangen. — Maar
neen, beminnelijke Verlosser, dit geschiede niet:
verlaat mij niet, want verwijdert gij u, dan ben ik
verloren. 0 God, mijne hoop, ik zal u niet laten
gaan; mijn opperste goed, ik druk u aan mijn hart,
en ik wil leven en sterven in uwe onuitsprekelijke
omhelzingen.
Heilige Maagd, Engelen en Heiligen, regtvaardige
zielen die God liethebt, leent mij allen te zamen
uwe harten, opdat ik mijn Jesus waardig gezelschap
houde.
Beminnelijke Drievuldigheid, ik bedank u uit het
binnenste mijns harten, dat gij mij Jesus hebt ge-
geven; ik dank u, dat gij mij, uit overmaat van
1) Luc. 5: 8.
-ocr page 171-
1G3
liefde, Jesus in het allerheiligste Sakrament gelaten
licht: ik dank u, dat gij mij hebt toegestaan hem
te ontvangen. Ik dank u, o mijn Jesus, dat gij u
gewaardigdt hebt mij te bezoeken. 0 mijn God!
•wat kan ik u voor zulk eene groote weldaad weder-
geven ? Hoe zal ik u genoeg dankbaarheid bewijzen ?
Heilige Drieeenheid, ik dank u door u Jesus op te
dragen, of\' liever Jesus dankt u voor mij. En aldus
is mijn hart tevreden, uwe majesteit wordt voldaan:
de dankbetuiging is oneindig. 0 mijn opperste
goed, aan u alleen lof, glorie, eer van wege al de
natiën, en door alle eeuwen der eeuwen. Amen.
Oefening om genaden te vragen.
Wat doet gij, o mijne ziel? weet gij wel. dat gij
nu een levende tempel zijt, waarin uw Verlosser
wezenlijk woont? Nu is het geen zaak om werkeloos
en verstrooid te blijven, nu is het oogenblik daar,
om dien levenden en waarachtige» God al de ge-
naden te vragen welke gij behoeft, indien gij ze
wilt ontvangen. Nu zijn de hemelen geopend, nu
slaat de aanbiddelijke Drievuldigheid blikken vol
liefde op u, dewijl zij Jesus, het voorwerp van haar
welbehagen, in u aanschouwt. Nu vragen Maria, de
Engelen, al uwe heilige Patronen, meer dan ooit,
genaden ten uwen gunste aan God. Mijne ziel, ver-
lies geen oogenblik van zulk een kostbaren tijd:
wijd al uwe aandacht aan de behandeling van de
gewigtige zaak uwer zaligheid. Mijne ziel, gij bezit
-ocr page 172-
164
een almachtigen Monark, den beminnelijksten en
den edelmoedigsten Vader, een God die de ge-
trouwheid zelve is, wat vreest gij? Zoek en heb
vertrouwen; laat uw hart zich openen, hernieuw
uw geloof, begin met groote genaden, hemelsche
genaden, genaden een God waardig te vragen.
Beminnelijke Verlosser, dewijl gij gekomen zijt,
om mij met genaden te overladen, en gij mij uit-
noodigt ze u te vragen, verhoor mij, ik smeek
het u door de ingewanden uwer barmhartigheid.
Geef mij, o mijn Jesus, eene vermeerdering van ge-
loof, van hoop, van liefde en van berouw. Geef
mij de nederigheid, het geduld, de zuiverheid en
al de deugden, en ruk al de ondeugden uit mijn
hart. Verander dit hart, dat zoo vol is van de
wereld en van zijn eigen ik, in een nieuw hart,
in alles gelijkvormig aan uwen wil, en dat niets
anders zoeke dan uwe meerdere gloeie ; dat al zijne
genegenheden zich op u rigten en doelen op uwe
liefde, zonder ooit in iets hoegenaamd daarvan af
ie wijken. Cor mundum crea in me. Deus, et spiri-
tum rectum innova in vixcerihns meis.
1) Schep in
mij een nieuw hart, mijn God, en vernieuw in mijn
binnenste den regten geest.
Vraag hier met een levendig geloof aan God
de genaden, welke gij voor u zeken en voor
meen evennaaste behoeft.
1) Psalm Li 12.
-ocr page 173-
1G5
Aanbiddelijke Drievuldigheid, almagtige God. ver-
hoor mijne gebeden. Nu voorzeker zoudt gij ons
uwegenaden niet kunnen weigeren, hoe onwaardig
wij die zijn mogeu: want ik vraag ze niet alleen;
Jesus Christus is met mij. En indien ik niet ver-
dien verhoord te worden, dan verdient Jesus Chris-
tus het toch, hij, die met mij, in mij, en door mij
bidt. Eeuwige Vader, ik herinner u de belolten
van Jesus Christus, die ons verzekerd heeft, dat
ons alles zou verleend viorden, wat wij in zijnen
naam zouden vragen: Amen, amen ilico vobis: si
quid petieritis Palrem in nomine meo.dabit robis.1)
Oefening van opdragt.
0 mijn Jesus, het is een pligt van regtvaardig-
heid en \\an dankbaarheid, dat ik mij geheel aan u
geef, nadat gij u geheel aan mij geschonken hebt.
Door in mij te komen, hebt gij mij in zekeren zin
geheel vergoddelijkt: ik moet u dus geheel toebe-
hooren. Dat mijne oogen, die Gij geheiligd hebt,
u voor altijd moge zijn toegewijd; dat mijne ooren,
die Gij geheiligd hebt, u mogen toebeh.oren; dat
mijn smaak, dien Gij geheiligd hebt, u tuebehoore.
Gij hebt al mijne zintuigen geheiligd: dat zij u
voortaan allen toebehooren en zich geen enkele
voldoening meer verschallen, strijdig met uwe heilige
wet. Gij hebt mijn geheugen geheiligd: dat het
1) Joan. XVI: 23.
-ocr page 174-
lü(i
zich dus onophoudelijk aan u herinnere. Gij hebt
mijn verstand geheiligd: dat het aan niets meer
dan aan u denke. Gij hebt mijn wil geheiligd, dat
mijn wil niets anders meer beminne dan U. Ik
draag u dus, uit den grond mijns harten, een voort-
durend offer op, mijn ligchaam en mijne ziel, al
mijne zintuigen en al mijne vermogens, al wat ik
heb en al wat ik ben. Brand, o goddelijk vuur,
verteer, o alvermogende liefde, al wat in mij u niet
toebehoort. Amen.
-ocr page 175-
III.
Dankzegging na de Communie. l)
Mij dunkt, weinig moeijelijkheden worden zoo
algemeen ondervonden als die, om eene goede dank-
zegging na de communie te doen. Geestelijke schrij-
vers leeren ons, dat wij ons daartoe niet van boeken
moeten bedienen, ten minste niet dan eenigen tijd
later. Zij verzekeren ons dat, zoo de genade op
sommige oogenblikken des levens meer bijzonder
en beslissend werkt, dit geschiedt terwijl Jesus door
zijne sakramenteele tegenwoordigheid in onze harten
woont. De 11. Alphonsus en anderen hebben verze-
kerd, dat ééne enkele goede communie voldoende is
om een mensch heilig te maken, en dat de dankzeg-
ging de tijd is, waarin de ziel zich den overvloed
1) Deze dankzcp-ging is ontleend aan eene der schoonste gees-
telijke «erken van Pater Paber z. g.: „AU for Jesus" waarvan
eene nederlandscho vertaling is uitgegeven. Wij wenschen, door
deze dankzegging hier op te nemen, mede te werken tot ver-
spreiding van deze wijze om God waardig te bedanken voor zijne
grootste gave, en Hem aldus eenige vergoeding te geven vcor de
tallooze beleedigingen, welke Hij in zijn Sakrameut der liefde
ontvangt.
-ocr page 176-
lCt;
vau genade toeeigent eu zich niet volle teugen aan
de heilbron van licht en leven laaft.
In deze omstandigheden, en de moeijelijkheid en
het gewigt tevens in aanmerking nemende van eeue
goede dankzegging na de communie, stel ik mij
voor, mijnen lezers middelen daartoe aan de hand
te geven, door hen een kort begrip te verschaffen
van de wijze van dankzegging, aanbevolen door
door pater Lancisius, en door hem opgenomen in
twee verscheidene verhandelingen. Men moet mij
niet aldus verstaan, alsoi ik deze methode iedsreen
aanbeveel zoo als hij die geeft. Zij is voor de
meesten veel te lang en daalt te veel in bijzonder-
heden af, en ik meen, dat zij in de meeste gevallen
de godsvrucht zou verstikken door de menigte
oefeningen welke zij omvat. Het hart moet meer
vrijheid hebben, en de oefening meer vereenvoudigd
worden. Ik geef deze wijze van dankzegging daarom,
ten einde stof te verschaffen, om te dienen als eene
soort van mijn, uit welke personen van verschillen-
den smaak, of dezelfde personen, op onderscheidene,
tijden, stof zullen kunnen trekken voor overwegingen
of verzuchtingen; dewijl verscheidene dier gedachten
diepgrondig en tevens schoon zijn.
1. De akten, welke pater Lancisius aan de hand
geeft als onmiddelijk na de communie te moeten
volgen, zijn, die van vernedering. Wij moeten ons
diep voor God verootmoedigen, dat zulk een groote
Heer zich gewaardigd heeft tot ons te komen, ons
-ocr page 177-
169
herinnerende: 1. de zonden van ons vorig leven,
2. ouze tegenwoordige onvolmaaktheden en laauw-
heid, 3. de laagheid onzer natuur in vergelijking
met de Godheid van Christus, en 4. de volmaakt-
heden van onzen Gezegenden Heer, als God en als
Mensch.
II. Dan volgen akten van AANBIDDING. Wij moeten
aanbidden 1. de Godheid, die thans op eeue bijzondere
wijze in ons woont, 2. de heilige Menschheid van
Jesus die thans in ons bestaat, 3. dezelfde, als zich
op zooveel plaatsen in de Kerk bevindende, waar
het Hoogheilig Sakrament wordt bewaardt, ons ver-
heugende over de aanbidding en de vereering, die
aan dat Sakrament wordt gebragt, daar waar de ge-
loovigen liet steeds komen aanbidden, en ons be-
droeveude over de oneer die der allerheiligste Eucha-
ristie wordt aangedaan, waar zij zich bevindt zonder
dat haar de verschuldigde devotie wordt gegeven,
ol waar zij welligt door daden wordt geminacht; 4.
wij moeten niet eene bijzondere aanbidding de ziel
van Christus aanbidden, als vervuld met alle ver-
sierselen van heiligheid, met alle verdiensten, en met
zulk eene oude standvastige en vruchtbare liefde voor
ons, 5. het ligchaam van Christus, als zoo vele en
zulke bittere en onwaardige handelingen om on-
zentwil geleden hebbende, en ten laatste voor ons
gedood zijnde, en wij moeten zijne heilige wonden
in den geest kussen.
Hl. Wij moeten Jesus ook uit den grond onzes
6*
-ocr page 178-
170
hartrii DANK zeggex, 1. dat Hij tol ons in deze
communie gekomen is, 2 dat hij in de Mensch*
wording gekomen is, 3. voor al de verdiensten en
voorbeelden van deugd gedurende zijn leven, dat
hij om onze zaligheid gelaten heelt. 4. voor de
instelling van het Hoogheilig Sakrament en al de
andere Sakramenteu, 5. voor zijn dood en onze
verlossing, 6. indien wij priester zijn, voor onze
verheffing tot het priesterschap, 7. voor den zegen
der schepping, 8, voor de voortduring van ons
leven, 9. voor de gave des geloofs, 10. voor onze
regtvaardiging, 11. indien wij religieuzen zijn, voor
onze roeping, 12. voor onze volharding in den
staat van genade of in eeue heilige roeping, 13.
voor zijn geduld met onze zonden en onvolmaakt-
heden, en die van anderen, 14. voor de heiligheid
welke hij aan zoovele Heiligen heeft verleend, 15.
voor de beproevingen en wederwaardigheden, welke
wij ten eenigen tijde hebben moeten ondergaan,
1G. voor zijne aanhoudende zorg om ons op den
weg der volmaaktheid te geleiden, 17. voor al de
bijzondere persoonlijke zegeningen welke wij van
Hem ontvangen hebben, en voor welke iedereen
Hem in meerdere of mindere mate te bedanken
heeft, 18. voor al de zegeningen welke hij ons
door middel van anderen geschonken heeft, 19.
voor al de algemeene en bijzondere zegeningen,
welke God ooit verleend heeft, of ooit wil verlee-
nen aan eenig schepsel, in \'t bijzonder voor die,
-ocr page 179-
171
welke hij heeft gegeven aan de heilige Menschheid
van Jesus, aan zijne Gezegende Moeder, aan de
overige Heiligen en uitverkorenen, 20. voor de
instelling der Orde. Vergadering, of\' Broederschap,
tot welke wij behooren, 21. voor haren vooruit-
gang, 22. voor de vervolgingen welke zij heeft te
ondergaan, welke haar versterken en louteren, 23.
voor al de Heiligen en geleerden welke zij heeft
voortgebragt, 24. voor al degenen die zulke zoete
en wonderdadige roepingen daartoe gehad hebben.
25. voor al de vruchten welke zij op de wereld
heeft voortgebragt, 26. voor al de goede vrienden
en weldoeners welke haar zoo liefhebben, 27. voor
al hare bestrijders en vervolgers, die haar zooveel
gelegenheid geven tot verdiensten.
IV. Dan volgt de opdract. — Draag het Geze-
gend Sakrament, dat gij ontvangen hebt, aan
de Allerheiligste Drievuldigheid op, voor al de
vreugde, eer en het welbehagen, welke de Godde-
lijke Majesteit daarvan ontvangt, uit hooide van al
de zegeningen welke het u en anderen verschaft;
draag het op voor uwe zonden en behoeften, en
die van anderen, en van uwe vrienden en vijanden,
zoo levenden als dooden. Draag aan uwen dier-
baren Heer, dien gij ontvangen hebt, iu vereeniging
met zijne verdiensten en heilige ledematen op :
1 uwe ziel en uw ligchaam, met al uwe vermogens,
ledematen, zintuigen, handelingen en rust, eenig
en alleen verlangende en heiligmaking van al wat
-ocr page 180-
172
u toebehoort, opdat gij eeue soort van voortdurende
offerande moogt zijn, brandende tot het genoegen
en de eer der (ïoddelijke Majesteit, u zelven tot
niets verterende en vernietigende, enkel en alleen
voor God: 2. uw «il om te sterven, en liever alles
te verdragen dan Hem met eenige dood- of dage-
lijksche zonde vrijwillig te beleedigen; 3. uw voor-
nemen om steeds de volmaaksle dingen te kiezen,
en onder deze bij voorkeur die, van welke uwe
zintuigen, uw verstand, uw wil, en uwe eer den
grootsten afkeer hebben, dewijl gij hoopt aldus
het meeste glorie aan God te verschaffen en gelijk"
vormiger te worden aan den gekruisigden Jesus;
4. uw voornemen om te volharden in het nakomen
van Gods geboden en raden, van uwen regel, en
in een volmaakt leven, hoe vol het ook moge zijn
van wederwaardigheden; 5. uwe gewilligheid om
moeijelijke dingen, welke uwe omgeving ligt telt,
voor Christus te lijden, en niet om in achting
te stijgen; G. uw voornemen om geen ander einde
te zoeken in uwe daden dan God alleen; 7 uw
brandend verlangen om alle menschen tot zijne
zuivere liefde te bekeeren, en uw smachten naar
deze zoete bekeering.
V. Daarna gaat men over tot vragen. Vraag
vurig aan Christus, 1. de vergiflenis van uwe zonden,
zoowel van hare schuld als van hare straften; 2.
volharding in zijne genade en in een heilig leven;
3. indien de Heilige Geest u dat ingeeft, en gij
-ocr page 181-
173
verlof van uwen geestelijken leidsman hebt, vraag
dan om lijden, hevig, herhaald persoonlijk lijden
van allerhanden aard, wat weinig geacht wordt
door of weinig medegevoel wekt bij anderen, dat
verborgen is, dat niet door u zelven veroorzaakt
wordt, en voor u ot voor degeneu die u bedroeven
geen aanleiding geeft tot zondigen; 4. vraag eene
aanhoudende vermeerdering van nederigheid, ar-
moede, kuischheid, gehoorzaamheid, geloof, hoop,
liefde, voorzigtigheid, regtvaardigheid, sterkte, ma-
tigheid, geduld, devotie, gebed, onderscheiding der
geesten, versterving der hartslogten, de grootste
zuiverheid des harten en van meening, en al de
overige deugderr. Vraag dat uw hart vrij moge
zijn van alle daden, die uiterlijk ol\' in zich zelf
kwaad ziju, onverdienstelijk of uit laauwheid voor-
komende, van alle slechte gewoonten, ongeregelde
bewegingen der hartstogten, en van alle schuld
van tijdelijke straffen, nu of in het uur des doods.
Vraag ernstig om de genade, dat gij in al uwe
handelingen moogt zoeken wat de volmaaktheid
en de versterving vorderen, en verder, dat gij
in staat moogt zijn om al uwe daden met zooveel
strekkende kracht (intensiteit) te doen, als de
ingestorte en verkregen gewoonten van deugd in
uw binnenste bestaan, zoodat al uwe handelin-
gen geëvenredigd mogen beantwoorden aan uwe
kennis, en allervolmaaksl in alle opzigten deinten-
tien der Godsbestiering mogen vervullen. Vraag
-ocr page 182-
174
dat gij een lang leven moogt leideu in groote hei-
ligheid, en met een uitermate grooten oogst van
zielen. Vraag de genade om uw ligcliaam gestreng
te mogen behandelen, zonder daarbij te kort te
doen aan de gezondheid; vraag, zoo gij priester zij t.
om met nut te mogen prediken, spreken en biecht
hooien, en dat eenig lijden u moge worden over-
gezonden op gepaste tijden, telkens als gij eenige
schuld of tijdelijke strafte boeten hebt. Ja, ga zelfs
zoover, van onzen dierbaren Heer te vragen, dat
hij u in staat moge stellen zooveel als maar inoge-
lijk is, uwe vermogens, zintuigen, ledematen, en
daden te rigten, zooals zijne Godheid dit alles in
zijne Heilige Menschheid rigtte.
Vraag God den Vader, 1. de waakzaamheid en een
voorbeeldig leven voor de herders der Heilige Kerk,
de bekeering der ongeloovigen, der ketters, der
scheurmakers, der zondaars en der flaauwe zielen,
en de voortdurende en volhardende vermenigvuldi-
ging der Heiligen, en hun voortgang op de we-
gen van den II. Geest; 2. godsdienstigheid en
liefde tot de regtvaardigheid voor de koningen en
tijdelijke overheden, hunne onderlinge eensgezind"
beid, en hun gelukkig slagen in wettige onderne-
mingen; 3. hulp en troost voor degenen die door
armoede of ziekte bezocht worden, geduld voor de
vervolgden en hunne verlossing, indien dit bestaan-
baar is met de groote glorie Gods; 4. overvloedige
gaven van genade en glorie voor uwe vijanden;
-ocr page 183-
175
5. voor uwe Orde of Vergadering moet gij den
Eeuwigen Vader vragen de versterving van alle harts-
togten, godsvrucht, een stichtelijken levenswandel,
ijver voor de zielen, voortdurende vrucliten van
deugd, voortgang in de gewijde wetenschappen,
bescherming in wederwaardigheden, voldoende tijde-
delijke inkomsten, en een overvloed van werklieden
in den wijngaard des Heeren; 6. bid zijne medelijdende
Majesteit voor al de overledene leden uwer ver-
gadering, voor degenen vooral, die het laatst
gestorven zijn, en die zijn aanbevolen in de ge-
beden der communauteit; ook voor al uwe tegen-
standers die overleden zijn, voor uwe betrekkingen,
vrienden en anderen, in \'t bijzonder degenen voor
wie weinig of geen gebeden worden gedaan, opdat
zij zoo spoedig mogelijk uit het vagevuur mogen
verlost, en uwe bijzondere patronen in den hemel
worden; 7. bid voor al de zaken, welke de oversten
aan uwe gebeden hebben aanbevolen, of indien men
u verzocht heeft voor personen te bidden, vraag
dan dat God hen moge bijstaan in het bijzonder
opzigt, waarvoor zij uwegebeden verlangd of noodig
hebben.
VI. Daarna is het onze pligt om verscheidene
oefeningen van onderscheidene deugden te volbren-
gen met opzigt tot het Gezegend Sakrament; en 1.
van aanbidding. Aanbid met goddelijke vereering
dat zoete Sakrament hetwelk gij in uw binnenste
hebt ontvangen en dat in zooveel plaatsen op de
-ocr page 184-
170
ganscbe wereld bewaard wordt. Deze oefening van
beminnende aanbidding kan krachtiger gemaakt
worden wanneer men denkt aan al de kerken, in
welke het gezegend Sakrament slechts weinig ge-
ëerd wordt, of waar het als \'t ware gevangen is in
de handen der scheurmakers, of in de landen, waar
zware zonden worden begaan tegen de aan de H.
Eucharistie verschuldigde eeredienst; 2 van geloof,
overwegende dat Christus, dien gij ontvangen hebt,
waarachtig God en waarachtig inensch is, en aan
wiens Godheid en Menscheid al die dingen behooren,
welke de Heilige Kerk van haar gelooft, of welke
de ketters geloochend hebben; 3. van hoop, ver-
wachende van Christus, als God en Eerste Oorzaak,
velerlei natuurlijke giften en bovennatuurlijke ge-
naden en glorie; en hetzelfde door zijne verdiensten
als Godmensch verwachtende; 4. van liefde hem
eerst met vurigheid in uw inwemligen wil als God
en Mensch omhelzende; u inde tweede plaats ver-
heugende dat zijne Godheid zoo volmaakt in haar
zelve en met betrekking tot ons is, dat wij haar
niet volkomen kunnen kennen; in de derde plaats
daarover juichende, dat zijne Godheid zoo vereerd
en bemind is in den hemel door de engelen en de
heiligen, en dat zijn Ligcbaam en zijne Ziel zoo
onuitsprekelijk gezegend zijn in den hemel, en ver-
sierd met zulke onvergelijkelijke gaven ; in de vierde
plaats een groot leedwezen hebbende, dat zooveel
zonden door ons zelven of door anderen tegen
-ocr page 185-
177
zijne dierbare liefde zijn en zullen worden be-
gaau, en vooral leedwezen gevoelende dat zoovelen,
voor wie hij zooveel gedaan en geleden heeft,
door hunne vrijwillige boosheid verloren gaan,
en dan ten laatste, met de teederste lielde ver-
langende dat alle zonden en onvolmaaktheden zoo
spoedig mogelijk in de wereldinogenophouden.dat
de rechtvaardigen vermenigvuldigd mogen worden,
en de heiligen in volmaaktheid en volharding mogen
voortgaan: dat de ongeloovige en al degenen, die
buiten de ware Kerk zijn, tot het heilig geloof
mogen gebragt worden en tot dien graad, tot welken
God begeert dat Hij en de Heilige Meuschheid van
Christus bemind en vereerd worden.
Vil. Wij moeten in onzen dierbaren Heer, als
God, de eigenschappen van zijne Godheid en zijne
andere volmaaktheden beschouwen, en verscheidene
akten voortbrengen met betrekking daartoe. Inde
eerste plaats moeten wij denken aan zijne onaf-
hankelijkheid, of, zocals de godgeleerden het noe-
men, zijn zelfbestaan [nseitas), en Hem de genade
vragen om op niemand dan op Hem alleen te ver-
trouwen, en op de oversten alleen orn zijnentwil.
In de tweede plaats moeten wij onze aandacht ves-
tigen op zijne eeuwigheid, en Hem een lang leven
vragen, om Hem te dienen en veel voor Hem te
lijden. Vervolgens moeten wij acht geven op zijne
alomtegenwoordigheid, en verlangen dat hij in alle
plaatsen moge gekend en bemind worden, en eene
-ocr page 186-
178
zeer brandende oefening van liefde en aanbidding
doen, om Hem vergoeding te geven voor al de
zonden, welke op dit oogenblik in den grenzeloozen
tempel zijner allerzuiverste en ontzaggelijke onme-
telijklieid worden bedreven. Daarna moeten wij
denken aan de oneindige energie van onzen geze-
genden Heer in het voortbrengen van natuurlijke
en van bovennatuurlijke gaven, en Hein vragen ons
natuurlijke en bovenatuurlijke gaven van allerlei
aard te geven, ten einde wij alle menschen mogen
winnen en als gevangen nemen voor zijne liefde.
In de vijfde plaats moeten wij zijne oneindige wijs-
heid beschouwen en Hem vragen, om ons te onder-
wijzen in al wat het onderrigt van ons zelven of
anderen betreft, en over ons de giften van raad,
voorzigtigheid en onderscheiding der geesten uit
te storten, en op onze geheele Congregatie voort-
gang in deugd en vordering in godgeleerde studiën,
zonder welke laatste wij slechts weinig vermogeu
te doen voor de zaligheid der zielen. In de zesde
plaats moeten wij mediteeren over zijne goedheid, en
bidden, dat God in onze handelingen niets moge
zien dat niet goed is; maar dit zal alleen het geval
wezen, indien al onze daden met liefde gedaau nor-
den, zonder onvolmaaktheden, en met een bovenna-
tuurlijk doel, dat God zelf is. Vervolgens moeten
wij denken over zijne Eeuwige Geboorte en Persoon,
door welke Hij de Zoon is, en Hem door zijne god-
delijke geboorte vragen ons. zoover dit mogelijk is,
-ocr page 187-
17!>
met vrijgevigheid, en overvloed, overeenkomstig de
mate van zijne gewone magt, al de natuurlijke
volmaaktheden en ook de bovennatuurlijke van ge-
genade en glorie te geven, welke aan zijne aange-
nomen kinderen kunnen worden medegedeeld, op
eene gelijksoortige wijze als zij aan zijne meusch*
heid werden medegedeeld toen Hij in zijnen persoon
de Goddelijke en de Meuschelijk\'e natuur vereenigde.
In de laatste plaats, moeten wij zijne dadelijke
medewerking overwegen tot al de daden van al de
schepselen, en Hem smeeken ons de genade te
geven, dat Hij in elke handeling zijne medewerking
in en met ons enkel en alleen terugbrenge tot
zich zelven en zijne eigene glorie als tot haar
einde, dat wij aldus in al onze handelingen, zon-
der uitzondering, voor Hem en om zijnentwille
mogen handelen, en wel zoo volmaakt, dat er niets
in ons moge zijn, regtstreeks of zijdelings, waarin
Gods glorie niet gezocht of gevonden wordt.
Op dezelfde wijze kunnen wij andere volmaakt-
heden in God onderscheiden, en oefeningen opwek»
ken in verband daarmede: zooals, hij voorbeeld,
van vreugde, ons verheugende dat God deze vol-
maaktheden in zich zelven heeft, en van dankzeg-
ging, dewijl Hij ze ons heeft geopenbaard en ons
genaden heeft medegedeeld aan baar geëvenredigd.
Gelijkerwijze kunnen wij de volmaaktheden van
onzes Heeren Heilige Menschheid onderscheiden.
De vermogens en gewoonten van zijne gezegende
-ocr page 188-
180
ziel overwegende, mogen wij Hem vragen onze
vermogens zooveel mogelijk gelijkvormig aan de
zijnen te maken, onze ziel met gewoonten te ver-
sieren, waarmede de zijne versierd was, en 0111 ze
tot daden op te wekken, gelijk Hij de zijnen opwekte.
Wanneer wij zijn ligchaam aanschouwen, dat aan
het kruis hangt, moeten wij elk lidmaat heschou-
wen, en bidden, dat gelijk het Woord in dat lig-
chaam dat lid op de volmaakste wijze bestuurde en
bewoog, Hij. hetzelfde Woord, dat nu door de
Heilige Communie in ons is binnengegaan, ook niet
slechts onze inwendige vermogens moge besturen
en geleiden, maar al onze ledematen en uitwendige
handelingen, zoodat wij, als het ware, een afdruk
en beeld van die Heilige Menschheid mogen zijn,
al onze inwendige en uitwendige handelingen
vertoonend e op eene wijze, het meest gelijkende
naar die van Jesus; want dit is de vervorming, de
transformatie, welke de heiligen en de heilige Ieera-
ren onder de bijzondere vruchten der Communie
tellen,
VIII. Wij moeten onze dankzegging besluiten
met onzen Gezegenden Meer, dien wij in de Heilige
Eucharistie hebben ontvangen, aan al de orden der
gelukzalige geesten aan te bieden. Aan de heilige
engelen moeten wij zeggen: ziet, gij zijne opperste
dienaren, die zijn woord doet, ziet den Eenig
geborene van den Eeuwigen Vader, dien gij, op
bevel van dien henie\'sclien Vader, aanbaadt toen
-ocr page 189-
181
Hij in de wereld kwam, en verwerft mij degenade
Hem met denzelfden geest en dezelfde waarheid
te dienen, waarmede gij Hem gedurende uwen tijd
van beproeving diendet, en Hem nu dient in uw
liemelscli en gezegend leven. Aan de patriarken
en proleten moeten wij zeggen: ziel, gij gezanten
des hemels en deelgenooteu van de wondervolle
geheimen (ïods. dien Verlosser, beloofd van liet
begin der wereld af, dien gij verlangd en zoolang
verwacht hebt, en verkrijgt, dat ik met al de krach»
ten en de genegenheden mijns harten naar hem
moge versmachten, en dag en nacht naar mijn
Geliefde moge verzuchten. Aan de heilige apostelen
moeten wij zeggen: ziet, doorluchtige predikers van
het E\\angelie, uw geliefde Meesier, dien gij zoo
vurig uit geheel uw hart bemindet, en verkrijgt
dat ik Hem vurig, bovenal en met mijne innigste
genegenheid moge liefhebben. Aan <ie heilige mar-
telareu : ziet, dappere getuigen des gelools, den
gekruisigden Christus, ter wiens liefde gij uw bloed
zoo volgaarne hebt gestort; o, verwerft mij de ge-
nade, om altijd voor hem te lijden, en altijd op
liet kruis te leven, en wel op een hard kruis, hetzij
de natuur met bare kwellingen mij daaraan hechtte,
hetzij de handen van booze lieden bet doen, en
dat ik regt van het kruis tot mijn Heer moge over-
gaan. Aan de pausen en belijders: ziet, gij herders
van \'s Heeren kudde, het Onbevlekte Lam, dat gij
eenmaal in geur van zoetheid aan den Altnagtigen
-ocr page 190-
182
God op liet heilig altaar pleegdet op te dragen,
stelt mij in staat om mij waardig met zulk een groot
offer bezig te houden, om het regtmatig aan God
op te dragen, en mij altijd vereenigende met die
heilige oflerande, mij voortdurend aan Hem op te
dragen door goede werken in den geur van zoel-
heid. Aan de religieusen belijders: ziet, gij ge-
trouwe dienaren mijns Meeren, uwen zoeten en
geliefden lieer, voor wien gij, zoowel in wezenlijk-
heid als in verlangen, al de vermaken dezer wereld
verzaaktet; verwerf mij ter zijner liefde de middelen
om lol den dood in mijn staat te volharden, hoe
nederig en armoedig die zijn moge, en ter zuivere
liefde van God alleen tot de hoogten van groote
heiligheid op te stijgen. Aan de heiligen en za-
ligen van uwe Congregatie: ziet, allerdierbaarste
broeders, uwen leidsman, aan wien gij met woord
en daad zoo gelijkvormig waart in dil leven, ver-
krijgt voor mij en al mijne broeders, die nog ter
zijner eer in de Kerk op aarde strijden, een rijken
buit van zielen, zonder nadeel voor onze inwendige
godsvrucht, en vermenigvuldigt ons getal met vele
uitstekende arbeiders, geroepen tot denzelfden oogst,
die met groote schoven van verdiensten tot zijn
gezegend gezelschap en het uwe zullen overgaan,
Aan de heilige maagden: ziet, gij bruiden van het
Onbevlekte Lam, Hem, voor wien gij met zooveel
zielsverhefllng uwen maagdelijken staat bewaardet,
maakt dal ik altijd voor de oogen van uwen e»
-ocr page 191-
183
mijnen beminde moge verschijnen, zuiver in hart
en werken en vrij van alle zondevlek en alle
verpligting tot straf, zoodat ik regt van dit leven
tot Hem in den hemel moge overgaan. Aan de
heiligen: ziet, dierbaarste vrienden, die de troost
van mijne arme ziel zijt, den Meester, den Bewerker
en de belooning van uwe heiligheid; verkrijgt voor
mij de genade om zooals gij deedt, met reuzen-
schreden op den weg der heiligheid, en overeen-
komstig den geest van mijn instituut te wandelen,
zoodat eene volgende reeks van mijne jaren mij
nooit moge vinden talmen waar ik vroeger was;
maar steeds opwaarts strevende naar de hoogten
van heiligheid.
Dan kunnen wij aan onzen dierbaarsten Heer
zeggen: >Nu ga ik, o Heer, voor eenigen tijd uit
uwe tegenwoordigheid, en toch niet zonder U!
Neen! want Gij zijt mijn troost, mijn geluk en
alle goed mijner ziel. Ik beveel mij met alle
kracht in uwe grootste liefde, met al mijne broe-
ders, vrienden en vijanden. Heb ons, o God, zoo
lief als Gij kunt, en bedwelm ons door uwe liefde,
en vervorm ons in uwe gelijkenis, o vreugd en
gejubel onzer harten; en geel ons, dat wij geheel
in U mogen leven, geheel met U en voor U bezig
zijn, en dat wij geen voorwerp van liefde in eenige
onzer woorden en werken mogen hebben, in of
buiten ons, dan U alleen, onze liefde en al ons
goed; die leeft en heersent, enz."
-ocr page 192-
184
En ten slotte kunnen wij het Respice bidden:
• Zie neder, wij smeeken het U, o Heer, op deze
uwe familie, voor welke onze Heer Jesus Christus
niet geaarzeld heeft in de handen van booze lit:-
den overgeleverd te worden, om den kruisdood te
ondergaan; die leeft en heerscht met U en den
Heiligen (leest, e\'én God, gedurende de eeuwen
der eeuwen, Amen."
-ocr page 193-
OEFENING VAN DEN KRUISWEG
OM JESUS IN HET H. SAKBAHENT TE BEZOEKEN.
Yoorbercidings-gcbed.
1.  0 God! ik aanbid de liefde, waarmede gij uwen
eenigen Zoon voor mij ten beste hebt gegeven;
en u, lieve Jesus, dank ik duizendmaal voor de
onbegrijpelijke goedheid, die ge mij betoond hebt,
met voor mij aan een schandelijk kruis te sterven.
Lit kinderlijke dankbaarheid kom ik bier, om u op
uwen heiligen kruisweg te volgen.
2.   0 God! ontvang, volgens uwe barmhartigheid,
de oefening, die ik ga beginnen, tot erkentenis
uwer glorie en majesteit, tot dankzegging voor het
groote werk der verlossing, tot vergiffenis mijner
zonden, tot lafenis der geloovige zielen, tot be-
keering der zondaren en ongeloovigen, tot geluk
en zaligheid der levenden en lot volharding der
regtvaardigen.
3.    Ik offer U deze oefening op, in vereeniging
met de verdiensten van Jesus Christus, van de H.
Maagd Maria en van alle heiligen. Ik bid u, barm-
-ocr page 194-
18Ü
hartige God! de aflaten, gunsten en genarlen, aan
de oefening van den Kruisweg verbonden, te willen
toevoegen zoo aan mij, als aan de geloovige zielen
in het vagevuur, bijzonder aan___
ü Jesus, zie hier een grooten zondaar voor uwe
voelen nedergeknield, om zijne zonden te beweenen,
uwe liefde te overwegen, en in liefde jegens u te
ontvlammen Hoe groot is de liefde, die gij mij
op den kruisweg en in het heilig Sakrament ge-
toond hebt! Gij, lieve Jesus, mijn God en al, lijdt
groote pijnen en groote vernederingen uit liefde
voor mij; - Gij, koning van hemel en aarde, stelt
het heilig Sakrament in, en gewaardigd u altijd bij
ons te blijven en eene spijs onzer ziel te worden.
Hoe groot is de liefde, die u bewogen heeft,
hier dag en nacht tegenwoordig te zijn, in weerwil
der beleedigingen, die u hier aangedaan worden!
— Lieve Jesus, hebt gij dan niet voorzien, dat de
prijs van uw lijden en de liefde van uw heilig Sa-
krament zouden miskend worden? — o Ja, ziel, ik
heb alles voorzien, maar niets heeft mij hiervan
kunnen terughouden; mijne liefde was zoo groot,
dat ik alles gaarne heb willen verdragen uit liefde
voor eenige weinige christenen, die er vrucht mede
zouden doen. — 0 Jesus, daar gij mij zoo be-
inint, wil ik u ook beminnen; ik bemin u, lieve
Jesus, en zal u altijd beminnen; ik bemin u, mijn
God en mijn al, en zal uit liefde voor u alles lijden;
ik bemin u, mijn eenige hoop, mijn eenigste troost,
-ocr page 195-
187
en zal uit liefde voor u leven en sterven. 0 Jesus, mijne
liefde, geef dat mijn liart voor u van liefde brande.
0 Marie, bid voor mij, opdat ik alleen leve door
de liefde tot Jesus, en uit liefde voor 1\'em sterve.
0 Engel Gods, die mijn bewaarder zijt. aan wiens
zorg ik door de opperste goedheid ben toevertrouwd,
gewaardig u mij te verlichten, te bewaren, te ge-
leiden en te bestieren. Amen.
1. STATIE.
Jesus wordt ter dood veroordeeld.
Wij aanbidden en loven n, Christus,
Omdat gij dooi\' uw Kruis de wereld verlost hebt.
Zoo staat gij dan bier, lieve Jesus. als een mis-
dadiger, geboeid en gebonden voor Pilatus, en ou-
derwerpt gij u met liefde aan het onregtvaardig
doodvonnis, om mij bet leven te geven. 0 welk
eene goedheid en liefde!... Maar hiermede nog
niet tevreden, gehoorzaamt gij ook in liet heilig
Sakrament des Altaars a-in alle priesters, daalt op
bun woord uit den hemel neder, en slagtoffert u
zelven voor onze zaligheid. 0 Jesus. boe hebt gij mij
zoo kunnen beminnen! En toch, helaas, heb ik u
niet bemind ! Vergeef mij al mijne ondankbaarbeden,
lieve Jesus, want vau nu af wil ik u beminnen; ja,
lieve Jesus, ik wil u beminnen, en uit liefde tot u
onderwerp ik mij aan uwe heilige beschikking en aan
den wil mijner oversten: laat de inenschen mij oordee-
Jen en veroordeelen, als ik u slechts mag beminnen.
-ocr page 196-
188
ü Maria, bid voor mij. opdat ik mij dagelijks uit
liefde tot Jesus slagtoffere. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet.
Ontferm u onzer, lieer, ontferm u onzer.
Go\'M wees mts zondaars genadig.
2. S T A T I E.
Jesus neemt het kruis op zijne schouders.
Wij aanbidden, enz.
0 Jesus, lioe groot is de liefde, die u bewogen
beeft dit zware en schandelijke kruis te omhelzen
en op uwe schouders te nemen!... Maar hoeveel
grooler is uwe liefde, die u bewogen heeft om
bet heilig Sakrament in te stellen, in weerwil
der onteeringen om bitterheden, welke gij voor-
zaagt dat u hier zouden aangedaan worden!.....
0 Jesus, hoe is bet mogelijk, dat gij uit liefdevoor
mij zooveel wilt lijden!___ En toch, heiaas, doe ik
niets uit liefde voor u! Wanneer zal ik u opregt
beminnen ? Wanneer zal ik, uit liefde tot u, de
kruisen, de bitterbeden en onleeringen gaarne om-
belzen ?... 0 Jesus, mijne liefde, zie ik omhels
met liefde alle bitterheden; versterk mij door uwe
genade.
0 Maria, bid voor mij, opdat ik één worde met
Jesus, en alle oneer met blijdschap lijde. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm, enz.
-ocr page 197-
189
3. STATIE.
Jesus valt de eerste maal onder het kruis.
Wij aanbidden, enz.
Zoo valt gij hier dan, lieve Jesus, uit liefde tot
mij, en verdraagt gij alle vervloekingen, lasteringen
en verwenschingen, welke u door de Joden aange-
daan worden! Hoe groot is deze uwe liefde! Hoe
groot zijn de bewijzen uwer liefde! En toch is uw
hart er niet over voldaan. Neen, lieve Jesus, uwe
liefde was zoo groot, dat gij, het heilig Sakrament
instellende, met liefde, u onderworpen hebt aan
alle onteeringen, vervloekingen en verwenschingen,
die u hier tot den laatsten dag des oordeels zullen
aangedaan worden.
Ach, lieve Jesus, doe mij de grootheid dezer liefde
beseffen, opdat ik in liefde voor u ontvlamine, en
uit liefde tot u alle vernederingen, lasteringen en
versmadingen gaarne verdrage.
0 Maria, bid voor mij, opdat ik het lijden en de
versmadingen beminne. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm, enz.
4. STATIE.
Jesus ontmoet zijne lieve Moeder.
Wij aanbidden, enz.
0 Jesus, o Maria, hoe waren uwe harten bij deze
ontmoeting gesteld! Volgens de grootheid uwer
-ocr page 198-
100
liefde waren uwe harten toen vol droefheid; maar
hoeveel grooter was uwe droefheid bij het zien der
onteering. welke aan Jesus in het heilig Sakrament
gedurig aangedaan wordt. Zeker waart gij droevig
genoeg om duizend keeren te sterven, indien God
u niet op eene buitengewone wijze versterkt had.
Ach. lieve Jesus, hoe kan het zijn, dat ik zoo
liefdeloos jegens u ben? Leer mij uwe liefde kennen,
opdat ik weene over de oneer u aangedaan, en in
liefde jegens u ontvlamme. 0 liefde, o oneindige
liefde! ontsteek mijn hart geheel in liefde; lieve
Jesus, ik vraag u niets dan helde; geef mij uwe
liefde; geef dat ik uit liefde voor u leve, uit liefde
voor u arheide, uit liefde voor u spreke, uit liefde
lijde en uit liefde sterve.
0 Maria, bid voor mij, om uit liefde te weenen
over de oneer Jesus aangedaan. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm, enz.
5. STATIE.
Simon helpt Jesus het kruis dragen.
Wij aanbidden enz.
0 Jesus, hoe groot is uwe liefde, die u in een
staat van magteloosheid gehragt en onbekwaam
gemaakt heeft u kruis nog verder te dragen, zoodat
gij hulp van uw eigen schepsel hebt willen ont-
vangen. 0 Jesus, hoe groot is uwe liefde, die u
nog in een staat van magteloosheid in het heilig
-ocr page 199-
191
Sakrament doet tegenwoordig blijven! (Jij laat u
dragen en plaatsen waar de priester wil, eu zijt
gereed alle menschen in liefde te ontvangen, en
u aan allen te geven zonder iets tegen te zeggen.
Ach, mijn Jesus, hoe is liet mogelijk, dat ik zoo
•weinig liefde voor u heb, en zoo onwillig ben om
mij naar den wil van anderen te voegen, en mijnen
wil te onderwerpen aan hen, die over mij gesteld
zijn.\' 0 Jesus, doe mij geheel in liefde uut v lam-
men, opdat ik mij door de liefde geheel met u
vereenige.
0 Maria, bid voor mij, opdat ik uit liefde voor
Jesus mijnen wil volkomen onderwerpe aan den wil
van God. Amen.
Onze Vader. Wees yetjroel. Ontferm, enz.
G. STATIE.
Yeronica droogt het aangezigt van Jesus af.
Wij aanbidden, enz.
0 Jesus, hoe droevig was uw toestand; «-n toch,
helaas, hoe weinigen waren er, die u tot vertroos-
ting dienden! Onder die duizenden van meu-
schen, die u vergezelden, was er slechts ééne
Veronica, die uit liefde uw bloed en zweet kwam
afdroogen: hoe weinigen zijn er hedendaags nog,
die u waarlijk beminnen! Lieve Jesus, hoe bitter
valt u deze ongevoeligheid, eu toch hebt gij ons
bemind; eu toch hebt gij het heilig Sakrament
-ocr page 200-
192
ingesteld, om u geheel met ons te vereenigen,
en uw afbeeldsel in ons hart Ie kunnen prenten,
gelijk gij dat in den doek van Veronica geprent
heb... Lieve Jesus, hoe hebt gij ondankbare
menschen zoo kunnen beminnen? En hoe is het
mogelijk, dat ik zoo weinig liefde voor u heb? Min-
nelijke Jesus, gij moo^t u met reden over mij
beklagen.
Ach, hoe bitter is het voor u, te zien, dat naauwe*
lijks iemand uwe liefde komt vergelden! Helaas, ik
ben een van die ondankbaren geweest! Ik vraag
er u vergiffenis voor, lieve Jesus, en bid u, mijn
hart in liefde te ontvlammen. 0 Jesus geef mij uwe
liefde niet uwe genade, dan ben ik rijk genoeg, en
ik vraag niets anders.
0, Maria, bid voor mij, opdat ik Jesus beminne
en een afbeeldsel van zijn lijden in mij dragc. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm enz.
7. STATIE.
Jesus valt de tweede maal ouder het kruis.
Wij aanbidden, enz.
Zoo zie ik u dan, lieve Jesus, voor den tweeden
keer uit liefde voor mij onder uw kruis bezwijken.
Hoe groot waren de mishandelingen en hoe hart-
grievend de vervloekingen, welke de beulen u deden
ondergaan! En toch lijdt gij alles met liefde. 0 on-
eindige liefde, die u zooveel heeft doen lijden, en
-ocr page 201-
193
die u dagelijks, ja alle oogenblikken van den dag,
nog duizende onteeringen en heiligschennissen in
het heilig Sakrament doet verdragen.
Ach, mijn Jesus, wanneer zal ik u eens opregt
beminnen, en uit liefde tot u gaarne alle ontee-
ringen en vernederingen lijden?.. Ach! koude ik
u eens oprecht beminnen! .. . Konde ik de oneer,
u aangedaan, eens herstellen! ... Ronde ik alle
harten in liefde tot u ontvlammen! Zie, lieve Jesus
ik geef mij van nu af geheel aan u: beschik over
mij volgens uwen heiligen wii; ik ben bereid alles
voor u te doen en te lijden.
U Maria, geef dat ik tot boetiug der oneer, Jesus
aangedaan, gaarne alles lijde, Amen.
Onze Vader. Wees yeyroet. Ontferm enz.
8. STATIE.
Jesus vertroost de weenende Trouwen.
Wij aanbidden, enz.
Ü Jesus, uwe liefde heeft toch geen einde! Al
uw lijden vergetende, hebt gij medelijden met ons,
en zegt: ween niet over mij, maar over u zelven.
0 oneindige liefde, die u medelijden met ons deed
hebben, en u bewoog het heilig Sakrament in
te stellen, om ons gelukkig te maken en u met
ons te vereenigen. Hoe bitter was het voor uw
liefderijk hart te zien, dat deze uwe liefde niet
alleen door de ongeloovigen, maar zelfs door de
7
-ocr page 202-
1!)4
christenen, ja, door personen, die u op eene bij-
zoiidere wijs moeten beminnen, zou miskend wor-
den? tn in weerwil van dit alles, blijft gij ons be-
minnen, en noodigt gij ons uit tot u te komen,
zeggende: Komt allen tot mij, die belast en beladen
zijt, en ik zal u verkwikken...
0 mijn Jesus, wanneer zal ik u eindelijk bemin-
men? Wanneer zal ik uit liefde tot u toch alles
lijden? Wanneer zal ik mij uit liefde tot u geheel
ten beste geven?
0 Jesus. geef mij deze uwe liefde.
0 Maria, doe mij in lielde tot Jesus ontvlammen,
opdat ik gaarne alles voor hem lijdt. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm, enz.
9. STATIE.
Jesus vu 11 de derde maal ouder liet kruis.
Wij aanbidden, enz.
0 Jesus. gij hebt mij waarlijk met eene onein-
dige liefde bemind: het is nu reeds de derde
maal, dat ik u onder het kruis zie nedervallen. en
toch blijft gij vol liefde; gij wordt verweuscht, ge-
slagen en gestoolen, en toch blijft gij alles met
liefde verdragen. 0 Jesus, ik sta verbaasd over deze
uwe liefde, maar nog meer sta ik veibaasd, als ik
denk aan de liefde, die gij mij in het heilig Sacra-
ment getoond hebt. Het is nu reeds meer dan acht-
tien honderd jaren, dat gij hier dagelijksduizende
-ocr page 203-
195
outeeringeu lijden moet, en toch zie ik u liier al-
tijd gereed, om ondankbare zondaars en arme be-
drukte menscheu met goedlieid te ontvangen.
Lieve Jesus, lioe hebt gij ons zoo kunnen be-
minnen? Uwe liefde maakt mij beschaamd, omdat
ik u zoo weinig bemin. 0 mijn Jesus, geet mij
toch eene opregte, eene standvastige liefde, om
gaarne alles te lijden uit liefde tot u.
0 Maria, bid voor mij, opdat ik, te midden der
bitterheden en kruisen, uit lieide tot Jesus vol-
harde. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm, enz.
10. STATIE.
Jesus wordt ontkleed en met gal gelaafd.
Wij aanbidden, enz.
Lieve Jesus, waartoe heelt u de liefde gebragt?..
Uit liefde voor mij zie ik u hier van alles ontbloot
en met gal gelaafd worden. 0 Jesus, uwe liefde is
al te groot. Waar heb ik zulke liefde verdiend?...
Gij, de Heer van hemel en aarde, wordt hier
van alles, zelfs van uwe kleederen beroofd; gij,
de troost van engelen en heiligen, wordt met gal
en bitterheden verzadigd, en toch lijdt ge alles
met liefde. — \'t Is te veel, lieve Jesus, \'t Is teveel.\'...
0 neen, ziel, \'t is niet te veel; want mijne liefde
nog niet verzadigd zijnde, heeft mij bewogen het
heilig Sakrament in te stellen, waar ik uit liefde tot
-ocr page 204-
196
u dag en nacht tegenwoordig blijf, dikwijls van or-
namenten en sieraden ontbloot en met onteeringen
verzadigd....
0 mijn Jesus, wanneer zal ik toch in liefde tot
u ontvlammen, uit liefde tot u mijn hart van alle
aardsche goederen aftrekken, alle ijdele sieraden
versmaden, en alle bitterheden omhelsen? 0 Jesus,
geef mij hiertoe uwe liefde met uwe genade, zouder
welke ik niets vermag.
ü Maria, onthecht mijn hart van alle wereldsche
en ijdele gevoelens, om mij door de lietde geheel
met Jesus te vereenigen. Amen.
Oaze Vader. Wees gegroet. Ontferm, enz.
11. STATIE.
Jesus wordt aan het kruis genageld.
Wij aanbidden, enz.
U Jesus, uwe lietde is al te groot. Hoe steekt
gij met zulke liefde uwe handen en voeten uit, om
ze aan het kruis te laten vastnagelen? Laat toe
dat ik het u zegge, lieve Jesus, dat gij als dwaas
van liefde zijt. Is het geene dwaasheid, zich voor
zijne vijanden aan het kruis te laten vastnagelen?
— En toch gaat uwe liefde nog verder, door in
een staat van vernietiging in het heilig Sakrament
tegenwoordig te blijven.
U liefde, o oneindige liefde, wanneer zult gij mijn
hart toch zoo overwinnen, dat ik mij volkomen aan
Jesus geve en mijne vrijheid, uit liefde voor hem,
-ocr page 205-
197
door de heilige gehoorzaamheid late binden?....
Wanneer zal ik toch onverschillig voor alles zijn?...
0 Jesus, geef mij uwe liefde, opdat ik dagelijks mijn
vleesch met deszelfs kwade begeerlijkheden kruisige.
0 Maria, bid voor mij, opdat ik met u stand vas-
tig aan den voet des kruises volharde. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm, enz.
12. STATIE.
Jesus
sterft aan het kruis.
Wij aanbidden, enz.
Zoo gaat gij dan, lieve Jesus, uit liefde voor mij
sterven! Waar zal men iemand vinden, die voor
eeneu vriend wil sterven? Maar gij, lieve Jesus,
doet het voor uwe vijanden. Wie is bekwaam /.nikt:
liefde te bevatten, te meer daar gij niet slechts
u zelven eens geslagtofferd hebt, maar hetzelve nog
dagelijks doet ia het heilig Misoffer, eu dat wel op
duizende plaatsen der wereld, overal waar priesters
gevonden worden.. . Dank, lieve Jesus, duizendmaal
dank voor zulke liefde! Wanneer zal ik mij ook
eens uil liefde >oor u slagtofferen?
Minnelijke Zaligmaker, hier voor u nedergeknield,
geel ik mij geheel aan u over, en offer mij voor
altijd aan u op. 0 kon ik alle mensclien tot u
brengen, en ze allen als eene levende en heilige
offerande aan uwe dienst toewijden!
0 Maria, geef dat ik dagelijks met Jesus sterve,
te weten, dat ik sterve aan de wereld, sterve aan
-ocr page 206-
198
de vermaken, sterve aan mijne driften, slerve aan
mijne vrijheid en sterve aan de eigenliefde, om ge-
heel voor Jesus te leven. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm, enz.
13. STATIE.
Het lim li.nuii vau Jesus wordt rail het kruis
afgedaan.
Wij aanbidden, enz.
O .Irsus. hier voor u nedergeknield, aanbid ik
met de heilige maagd Maria uwe overgroote liefde,
die u zooveel heeft doen lijden: geheel uw ligchaam
ademt liefde; elke doorn in uw hoofd, elk traan in
uwe oogen, elke wonde, elke druppel bloed in uw
ligchaam zegt mij: zie, hoezeer hij u bemind heeft.
0 ja, lieve Jesus, alles, toont mij uwe liefde alles
noodigt mij tot lietdc uit. Moe zou ik dan onge-
voelig en liefdeloos kunnen blijven? Neen, lieve
Jesus, dat is onmogelijk, ik wil u beminnen, die u
geheel voor mij gegeven hebt, en nog dagelijks
geheel aan mij geelt in het heilig Sakrament... ü liefde,
o oneindige liefde!... Uwe liefde, mijn Jesus, heeft
mijn hart overwonnen en dwingt mij tot weder-
liefde: ja, mijn Jesus, ik wil u beminnen en door
uwe liefde wil ik leven en sterven.
0 Maria, bid voor mij, opdat ik door de liefde
één zij met Jesus. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm enz.
-ocr page 207-
III!)
14. STATIE.
Jesus wordt in een nieuw graf begraven.
Wij aanbidden, enz.
God dank, lieve Jesus. dat gij in uwe begrafenis
zoo verheerlijkt wordt; dat gij, met kostelijke
specerijen gebalsemd, begraven wordt in eeu nieuw
steenen graf, waar nog nooit iemand was neder-
gelegd.. . . Ach, kon ik u ook zulk een lieer-
lijk graf in mijn hart geven, als gij er in komt
rusten door de heilige Communie... Maar helaas,
het is de woonplaats van satan geweest, en nu
nog is het vol gebreken, zonden en onvolmaakt\'
heden. U Jesus, zuiver mijn hart vau alle eigen*
lieide, opdat het eene aangename woonplaats voor
u zij. ivoin tot mij, lieve Jesus: miju hart is ge-
heel voor u, het staat voor u alleeu open; kom
tot mij en geel u aan mij, en zoo ik u op di I oogeu-
blik niet waarlijk en wezenlijk ontvangen kan, dan
bid ik u toch geestelijker wijze tot mij te komen
en miju hart in liefde te outvlaininen, even als had
ik u inderdaad ontvangen, opdat ik met den Apostel
in waarheid zeggen moge: ik leef, niet ik, maar
Jesus leeft in mij.
0 Maria, ontvang miju hart oih het te zuiveren,
te versiereu en tot de komst vau Jesus voor te
bereiden. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet. Ontferm inz,
-ocr page 208-
SLÜITGEBED.
1.     O God. ik (hink u, dat gij mij, gedurende de
oefening van den kruisweg, met zoo vele goede
gedachten hebt gelieven te vervullen, en draag mij
zelven en mijne gemaakte voornemens aan u op.
2.     U Jesus, ik bewonder uwe liefde. Hoe hebt gij
mij zoo kannen beminnen? — Gij lijdt en sterft
voor mij. en blijlt dag en nacht in het heilig Sakra-
ment tegenwoordig, om u geheel met mij te ver-
eenigen. 0 liefde van eenen God tot den rnensch!
Gij zijt geheel voor mij. en toch ben ik niet geheel
voor u; welke eene ondankbaarheid!___ 0 Jesus,
ik sta beschaamd voor u en vraag u eene opregte
liefde. — Ja, lieve Jesus, geef mij uwe liefde: ik
vraag u niets anders dan uwe liefde. Met uwe liefde
en heilige genade kan ik alles. 0 Jesus, hoe zoet is
het mij, uit liefde voor u te lijden en versmaad te
worden\' Zie, ik geef mij nu geheel aan u, dewijl
gij u aan mij geelt. 0 zoete gedachte: Gij aan mij,
en ik aan V.
0 mijn Jesus, geef dat ik in uwe liefde
leve en sterve.
0 Maria, wondervolle Moeder! gij hebt reeds zoo
-ocr page 209-
201
vele wonderen gedaan, doe ook nog dit wonder,
dat ik u vurig heriiinne en door de liefde tot Jesus
uitteere, gelijk gij door dezelve uitgeteerd en ge-
storven zijt. Amen.
5 Onze Vader, 5 Wees gegroet, en 5 Glorie zij den
Vader, ter eerc tan de rijf wonden van Christus;
— en
1 Onze Vader, i Wees gegroet en 1 Glorie zij den
Vader, ten intentie van den Paus van Rome,
M2u
-ocr page 210-
INHOUD.
Blad*.
Voorwoord................................      1
Geestelijke Raadgevingen....................      7
I. OEBfcDEN..................................
Oefening vivn aanbidding...................     19
Oefening van berouw.......................    21
Psalm 50. Miserere........................    23
Psalm 159. De Profundis...................    2G
Gebeden om den aflaat te verdienen.........    27
Ilymnus : Veni Sancte Spiritus..............    31
Eereboete..................................    33
Oefening van liefde tot God voor de weldaden
der natuur.............................    36
Trisagium.................................    38
Lofzang der drie Kinderen in den Vuuroven.    39
Psalm 150. Laudate Dominum..............    41
Oefening van liefde tot God voor de weldaden
der genade..............................    41
Lofzang van Zaeharias: Bcnedictus Dominus
Deus Israël..............................    45
Lofzang der II. Maagd: Magnificat...........    46
„ van Simcon: Nu,nc dimitis..........    47
Oefening van liefde tot den naaste..........    48
Litanie der Heilige Maagd................    51
Oefening van bede........................    54
Oefening van dankzegging..................    56
Tantum Ergo.............................    57
De II. Kozenkrans: Blijde, Droevige en Heer-
lijke Geheimen...........................    60
Lofzang: Te Deum Laudamus..............    62
-ocr page 211-
INHOUD.
II
Bladz.
II. ANDERE WIJZE OM HET ALLERHEILIGSTE TE
IitZOEKEX................. 65
Oefening van Geloof in het geheim der aller-
heiligstc Eucharistie..................... 66
Oefening van vereering en van nederigheid
jegens Jesus in het Altaargeheim........ 67
Oefening van verlangen en welbehagen in de
glorie van Jesns........................ 69
Oefening van smart over de beleedigingen die
.lesus in het allerheiligst Sacrament worden
aangedaan.............................. 71
Oefening van zelf beschuldiging over zware zon-
den tegen Jesus........................ 72
Oefening van volmaakt berouw en van ver-
trouwen op Jesus....................... 73
Oefening van dankbaarheid tot Jesus........ 77
„        „          liefde „ „ ........ 80
„         „ Opoffering aan Jesus van zijn
Heilig Hart.................. 82
„         „ bewondering der goddelijke goed-
heid en tot het vragen van gena-
den voor ons zelven........... 84
,, om dezelfde genaden voor de even-
naaste te vragen................. 99
,, om de zielen in het Vagevuur aan
Jesus aan te bevelen............ 91
„ van zelf beschuldiging en van berouw
gedurende dit biduur............. 92
., ter cere van de vijf wonden on het
Salvc Regina.................... 94
-ocr page 212-
/O V O J\\ft                  INHOUD.                           III
Bladz.
Gebed tot Jesus in het gezegend Sakniment
voor de bekeering van Nederland......... U7
Litanie van den Zoeten Naam............. 98
Litanie tot het Allerh. Sacrament des Altaars 102
Litanie tot het Allerh. Hart van Jesus...... 106
III. 11EZOËK AAN HET ALLERHEILIGST SAKRAMENT
TER EEKE VAN HET H. HART VAN JESUS.
Vijf aanbiddingen van het II. Hart.........   112
Ooefening van godvruchtige genegenheid tot
.lesus..................................   115
De Kroon of Rozenkrans van het Allerheiligste
Sakrament..............................   116
Gebeden van de H. II. Franciscus van Assisië
en Ignatius van Loyola..................   125
Gebed tot Jesus om Zijne liefde te verkrijgen  127
„ aan de Allerheiligste Maagd Maria. . .   128
IV. KORTE GEI1EDEN TOT HET ALLERH. SAKRAMENT
GEDURENDE DB UITSLUITING OM DEN ZEGEN.. 130
Psalm 83. Quam Dilecta..................   133
Misgebeden...............................   135
Biechtoefening............................   144
I.  Oefeningen voor de Communie..............   148
„           na de Communie............... 151
II.  Oefeningen voor de Communie............. 153
„          na de Communie................ 161
III.  Wijze van Dankzegging na de Communie. . . 167
Kruisweg om Jesus in het H. Sakrament te
bezoeken...........................185