-ocr page 1-

Vak 132 _

f

i

GESCHIEDENIS

VAN HET

LIEFDEWERK

DVAl

A M B A C 11 T S L E E R LIN G E N

ÏE

\'B GRAVENHAGE.

(ty.

___

102

-ocr page 2-
-ocr page 3-

VoAftt

/n

GESCHIEDENIS

VAN HET

LIEFDEWERK DER AMBACHTSLEERLINGEN

TE \'S GRAVENHAGE.

-ocr page 4-
-ocr page 5-

GESCHIEDENIS

VAN HET

LIEFDEWERK DER AMBACHTSLEERLINGEN

TE \'amp; GRAVENHAGE.

Wie een open oog heeft voor de teekenen destijds, zal het natuurlijk vinden, dat wij hier laten volgen eene korte schets van de geschiedenis van dit Liefdewerk , eene duidelijke beschrijving van zijn werkkring en zoover doenlijk eene opsomming van de verkregen uitkomsten.

Het Liefdewerk der Ambachtsleerlingen is een noodzakelijk aanhangsel en natuurlijk gevolg van het bezoek der armen aan huis , dat het voornaamste werk is van de ons zoo dierbare Vereeniging van den II. Vincen-tius van Paulo. De Vincentiaan immers ontmoette in de huisgezinnen, welke hij wekelijks bezocht, menigmaal flink opgeschoten jongens, die den leeftijd hadden om een ambacht te leeren; maar hij zag tevens, dat van deze kinderen niets terecht zou komen , als zij niet bij de hand genomen en geleid werden.

«Wat moet uw zoontje worden, moeder?quot; vroeg hij en het antwoord was gereed :

-ocr page 6-

4

«Och ja, Mijnheer, sjouwerman, zooals zijn vader is; het valt een arm mensch zoo moeilijk zijn jongen op een winkel geplaatst te krijgen; en dan, wij hebben geen geld om gereedschap te koopen ; en ook, als hij sjouwt, verdient hij iets en als hij een ambacht leeren moet, duurt het zoolang eer hij iets inbrengt; en wij hebben het zoo hoog noodigquot;......

«\'t Is goed, moeder, wij zullen er over denken.»

En de veteraan in de liefdewerken heeft er over gedacht ; hij overweegt, dat, ondanks den verbazenden vooruitgang der machineriën in den tegenwoordigen tijd , een bekwaam en braaf werkman, die zijn vak verstaat en zijn geld niet verkwist, zeer goed zijn brood kan verdienen ; hij overweegt, dat deze jongens zonder maatschappelijke en godsdienstige leiding zeker verwaarloosd worden ; hij overweegt, dat van grootvader op vader en zoon altijd dezelfde huisgezinnen door de Vereeniging ondersteund worden en dat de veronachtzaamde opvoeding der jongens daarvan in niet geringe mate de schuld is. Deze overweging leidde tot eene bespreking; die bespreking bracht verscheiden Vincen-tianen bij elkander en het besluit werd gevormd om zich het lot dezer jongens aan te trekken.

Ziedaar het begin van het Liefdewerk der Ambachtsleerlingen ; ziedaar de bron van den stroom.

Toen de heer J. F. Friedrich , in die dagen de ijverige Vincentiaan der Conferencie van de H.H. Antor.ius en Lodewijk te \'s Gravenhage, in de door hem bezochte familiën zooveel jongens ontmoette, waaruit hij met recht vreesde dat niet veel goeds groeien zou , dacht hij er over na, of geen hulpmiddel daarvoor te vinden was. Hij kende de Gezellen-Vereeniging van zijn vaderland , de Gezellen-Vereeniging van Amsterdam en besloot

-ocr page 7-

5

eene poging te doen iets dergelijks ook in den Haag op te richten. Maar helaas, zijne voorstellen werden in de Conferencie van de II.H. Antonius en Lodewijk ongunstig ontvangen en afgestemd. Evenwel hield hij vol en reeds begon hij bijzonder toezicht op eenige jongens te houden en na twee jaren kwam hij met zijn plannen terug. Hij maakte een ontwerp van reglement, dat door de Conferencie van de H.H. Antonius en Lodewijk, en vooral door de bemoeiing van haren ijverigen President, den heer G. Meijknecht zaliger gedachtenis, werd goedgekeurd. Zoo dagteekent het ontstaan van dit Liefdewerk van Maart 1864.

Het Liefdewerk der Ambachtsleerlingen leefde derhalve, maar was nog een zeer klein, zwak en onbeholpen kind. De andere Conferenciën van den Haag wilden het voorbeeld der Conferencie van de H.H. Antonius en Lodewijk navolgen en ook voor haar jongens iets opzetten ; maar dit mislukte. Toen wendde men zich tot den heer J. F. Friedrich, die voorstelde een algemeene Vereeniging te stichten en daarvoor uit iedere Conferencie twee leden voor de Commissie en vijf jongens ter verzorging te nemen. Nu trok de bijzondere Raad van \'s Gravenhage zich de zaak aan en het Liefdewerk kwam in 1870 tot stand in den vorm, waarin het nu nog bestaat. De onvermoeide zorgen en doortastende kracht der heeren Lux en Meijknecht hebben veel tot dien gelukkigen uitslag bijgedragen.

De heer Friedrich is de eerste president van het liefdewerk geweest.

Zoo ging men jaren en jaren voort, opbouwende en voltooiende wat begonnen was , totdat de lokalen te klein werden , om al de leerlingen te bevatten. Daarom werd in overleg met den Bijzonderen Raad besloten

-ocr page 8-

6

terrein aan te koopen en een gebouw met voldoende ruimte te stichten. Na veel moeielijkheden kwam ook dit tot een goed einde en op 3 September 1876 werd de inwijding van het nieuwe gebouw en tegelijk het feest van het twaalf en een halfjarig bestaan der Ambachtsleerlingen-vereeniging schitterend gevierd.

Hoe heerlijk stond daar het liefdewerk der ambachtsleerlingen in den vollen bloei zijner jeugd ! De commissie was met nieuwen ijver bezield ; de leerlingen dankbaar en tot grooter krachtsinspanning opgewekt; de weldoeners en donateurs tevreden en tot milder gaven gestemd ; de Bijzondere Raad met blijdschap de zorgen herdenkend , besteed aan den boom, die nu in bloesem een prachtig schouwspel aanbood en tevens bereid met alle middelen de ontwikkeling van den boom te begunstigen. Het Liefdewerk arbeidde met de opgewektheid, toewijding en veerkracht, welke aan de frissche jeugd eigen is , terwijl de HH. Jozef en Vincentius van Paulo, de hemelsche beschermers der vereeniging, door hunne voorspraak de medewerking van God verwierven , die de krachten der werklieden staalde en den grond vruchtbaar maakte.

Zien wij nu, na de geschiedenis van het ontstaan der Vereeniging gegeven te hebben , meer in bijzonderheden haren tegenwoordigen werkkring, om den ge-heelen omvang der werkzaamheden te leeren kennen.

Maar nog eerst iets anders : eerst de vraag beantwoorden , of dit Liefdewerk zonder bijzondere moeielijkheden tot rijpheid gekomen is, of dit goede werk bij uitzondering aan de algemeene wet des levens ontkomen is, dat men zonder kruis niet tot het licht, zonder lijden niet tot grootheid komen kan. Dit Liefdewerk maakt geen uitzondering op den regel; ook hier

-ocr page 9-

7

hebben stormen gewoed, ook hier hebben donkere wolken een vreeselijk onweder uitgestort. De president werd door ziekte, en ouderdom dikwijls verhinderd de vergaderingen bij te wonen , de teugels der tucht, die in deze Vereeniging zoo noodzakelijk is, begonnen slap te hangen en de nieuwe president, toen benoemd , kon natuurlijker wijze op den invloed van zijn voorganger nog niet roemen en dat alles viel samen in denzelfden tijd. Maar de stem van den bijzonderen Raad heeft het onweder doen bedaren en de rukwinden hebben gediend om de aarde los te woelen en de wortels dieper in den grond te doen schieten; zoodat op dit oogenblik de Commissie met 21 leden werkt en in volkomene samenwerking naar één en hetzelfde doel streeft: jongens , vooral uit de door de Confcrenciën bezochte gezinnen, tot brave en bekwame werklieden te vormen.

Hoe wordt dit doel bereikt ? De dagorder van den Zondag, de wekelijksche en maandelijkschearbeid van leden der Commissie en leerlingen zal u het antwoord geven.

lederen Zondagmorgen van 8 tot 10 uur wordt in de Vincentiusscholen door de Eerw. Broeders herha-lingsondervvijs gegeven en de leerlingen van het Liefdewerk tusschen de 12 en 16 jaren zijn verplicht dat onderwijs bij te wonen. Hier past een woord van hulde aan de Eerw. Broeders, die een gedeelte van hun vrijen tijd , waaraan zij die van den vroegen morgen tot den laten avond voor de schoolbanken staan , zoo groote behoefte hebben, opofferen, om aan de beschermelingen van dit Liefdewerk en aan dergelijke leerlingen het zoo noodzakelijke herhalingsonderwijs te geven. Overbodig het groote nut en zelfs de nood-

-ocr page 10-

8

zakelijkheid van dit herhalingsonderwijs te betoogen; velen dezer kinderen immers, wij weten het, ont-loopen menigmaal de school en hebben daarom weinig of niets geleerd en anderen , die wel iets geleerd hebben, vergelen het zoo gemakkelijk, als er niet een weinig de hand aangehouden wordt. En hoe nuttig is de kennis der eerste beginselen voor den aanstaanden werkman! Moezeer gevoelt hij later zijne minderheid, als hij het lezen, schrijven en rekenen verleerd is! Hoeveel beter zal hij voor moeielijk werk gebruikt kunnen worden, als hij in dit alles ervaren blijkt! In één woord : lezen, schrijven en rekenen behooren tot de noodzakelijke eigenschappen van een bekwaam werkman en daarom zijn deze zondagscholen zoo uitstekend en wordt er streng op gelet of niemand weg blijft. Hieruit ziet men, dat het Liefdewerk de zaak in het hart aanpakt en de ontwikkeling der leerlingen van den grond af opbouwt.

Zondag na den middag van 4 tot 9 uur zijn de leerlingen in het gebouw van het Liefdewerk. Dit gebouw heeft twee flinke zalen boven elkander ; een kruisbeeld , een beeld van den H. Jozef en verschillende leerzame en godvruchtige spreuken versieren den wand , terwijl tafeltjes voor vier personen met stoelen een gezellig aanzien aan het geheel geven; achter het gebouw is een groot plein , waarop de leerlingen met verschillende spelen den tijd doorbrengen; daar is een kegelbaan, een schietbaan , een zoogenaamde reuzenstap , verschillende toestellen om gymnastie ce maken, enz.

Misschien vraagt iemand, waarmee men den langen tijd van 4 tot 9 uur doorbrengt; maar er is zooveel te doen, dat men tijd te weinig heeft.

De leerlingen komen in het gebouw ten 4 uur precies.

-ocr page 11-

9

want als iemand een kwartier te laat komt, moet hij i cent boete betalen; die gekomen is, meldt zich aan bij het lid der Commissie, dat de beurt heeft; nu wordt de aangekomene op het volgnommer, dat hem gegeven is, in het register opgeschreven en tevens wordt daarin de 5 cent contributie en zoo noodig de beloopen boete aangeteekend.

Van 4 tot 5 uur is het zangles, waaraan door elkander 15 tot 18 leerlingen deelnemen en die welwillend door een zeer geachten muziekmeester gegeven wordt. Bij bijzondere gelegenheden en feesten geeft deze liedertafel eene uitvoering en menigmaal hadden wij reden het geduld van den meester en de gemaakte vorderingen van de leerlingen te bewonderen.

Van 5 tot 6 uur wordt g3\'\'mnastiekles gegeven ; jaren achtereen werd deze les gratis gegeven door den heer A. Maane, onderwijzer te Delft, lid der Vereeniging van den H. Vincentius van Paulo en tevens lid der Commissie van dit Liefdewerk; maar nu heeft dit Liefdewerk een gevoelig verlies geleden, daar de heer A. Maane, na met goeden uitslag zijn examen van hoofdonderwijzer afgelegd te hebben, op 12 Augustus jl. met den Zeer Eerw. Pater A. L. M. Jansen O. P. naar Curacou vertrokken is , om de negers onzer West-Indische bezittingen door godsdienstig onderwijs voor het Christendom te winnen. Hulde aan den man , die voor de bekeering der heidenen al wat hem dierbaar is , ten offer brengt!

Sedert 1876 hebben de Zeer Eerw. Paters Jezuiëten van de Sint-Teresia parochie, bij al hunne drukke bezigheden de zware taak op zich genomen iederen Zondagavond van 6 tot 7 uur voor de leerlingen van dit Liefdewerk volksonderricht te komen geven in de

-ocr page 12-

10

groote zaal van het gebouw. De leerlingen luisteren met graagte naar de woorden van den Zeer Eerw. Pater en zijn bepaald teleurgesteld, wanneer om de een of andere reden het onderricht achtergelaten wordt.

Maar waartoe dient de contributie, die door de leerlingen wordt betaald ? Iedere leerling betaalt 5 cent en daarvoor krijgt hij ten 7 uur een halve flesch bleien een broodje, terwijl gedurende den winter koffie in plaats van bier gegeven wordt. Onnoodig te zeggen, dat zij meer dan de dubbele waarde ontvangen van hetgeen zij betalen.

Hierna is het speeltijd en des zomers wordt op de speelplaats geknikkerd , gekegeld , geschommeld of geschoten en in den winter wordt er binnen gekaart, gedamd of domino gespeeld.

Ook wordt op Zondagavond aan de leerlingen gelegenheid gegeven hun geld af te dragen aan de Spaarbank der Vereeniging. Over het algemeen genomen gelooi ik, dat de Nederlandsche werkman in zijne jeugd niet bijzonder spaarzaam is ; maar zeker is het dat dergelijke spaarbanken, als hier bestaan, er toe medewerken om den ambachtsman spaarzaamheid te leeren. Wanneer de werkman eenmaal de waarheid van het spreekwoord, dat veel kleintjes een groote maken, ondervonden heeft, zal hij op lateren leeftijd gemakkelijk begrijpen, hoeveel waarde het heeft des zomers iets te besparen voor den winter, of in het algemeen iets op te leggen tegen den ouden en kwaden dag, die misschien komen zal

Wanneer een leerling des Zondags de Vereeniging niet heeft bezocht , wordt aan het huis der ouders een briefje bezorgd , waarin hun de afwezigheid van hun zoon bericht wordt met het vriendelijk ver-

-ocr page 13-

11

zoek de reden daarvan aan de Commissie te willen mededeelen.

Na deze opgave hopen wij, dat het duidelijk zijn zal, hoe niemand der leerlingen des Zondagsmiddags den tijd heeft zich een oogenblik te vervelen, omdat hij nuttig en aangenaam wordt bezig gehouden.

Het is een vereischte voor den bekwamen werkman, ten minste in de meeste vakken , dat hij iets van het teekenen verstaat en daarom tracht dit Liefdewerk ook hierin te voorzien. Van 15 September tot 15 Maart wordt op Maandag-, Woensdag-, Donderdag- en Vrijdagavond van 7 tot 9 uur door drie teekenmeesters les gegeven, waarvoor jaarlijks van 250 tot 300 gulden uitgegeven wordt. In dit laatste jaar vooral zijn in het teekenen nuttige veranderingen aangebracht, omdat iemand, die zelf architect en teekenmeester is, tot de Commissie is toegetreden en de lessen met zijn geest heeft bezield. Der vermelding waardig is art. 12 van het Reglement der teekenlessen ; «De leerling begeeft zich na het eindigen der teekenles op eene fatsoenlijke wijze naar huis en wachte zich vooral voor straatrumoer , waarop streng gelet en dat met verwijdering van de teekenschool gestraft zal worden.» Zou het niet goed zijn, als de Staat het voorbeeld van dit Liefdewerk navolgde en eveneens deze bepaling in het reglement van zijn teeken-, industrie- en ambachtsscholen opnam ?

Het geheele raderwerk van de St. Jozefs-ambachts-leerlingen-Vereeniging wordt bestuurd door 21 leden. Zij verplichten zich , volgens rooster des Zondags van 4 tot 9 uur, door de week bij de teekenlessen en bij bijzondere gelegenheden tegenwoordig te zijn. leder dezer leden neemt op zich maandelijks een bezoek te

-ocr page 14-

I 2

brengen bij de patroons en de ouders van die leerlingen , wier zorg aan hem is opgedragen. Dat maandelijksch bezoek is van het grootste gewicht; de goede getuigenissen van werklust, gemaakte vorderingen , goed gedrag en beleefdheid en ook de klachten van traagheid , gebrek aan ijver en onbehoorlijk gedrag, welke de leden der Commissie van de patroons en ouders vernemen , worden in de maandelijksche bijeenkomst, door de Commissie onderling gehouden, ter tafel gebracht. Op deze wijze leeren de leden der Commissie het karakter en de gedragingen der leerlingen kennen, hetgeen tot bereiking van het goede doel noodzakelijk is. Daarenboven hebben de leerlingen van 12 tot 16 jaar livret-ten, dat zijn boekjes, waarin het reglement der Ver-eeniging staat en waar achter een maandtafel geplaatst is. In deze maandtafel wordt de vlijt en het gedrag van den leerling door den patroon aangeteekend en deze getuigenis door de handteekening van den patroon gewaarmerkt. Na dit alles wordt iederen eersten Zondag der maand eene volle vergadering van de leden der Commissie met de leerlingen gehouden ; in deze vergadering worden de livretten of gedrag-boekjes besproken en de President van het Liefdewerk tracht door raadgeving, aanmoediging en — waar het noodig is — berisping het welzijn der leerlingen te bevorderen.

In overvloedige mate wordt ook voor uitspanning gezorgd ; behalve de genoegens , welke iederen Zondag van 4 tot 9 uur aan de leerlingen verschaft worden , hebben zij twee vroolijke avonden in den winter; dan worden de leerlingen getracteerd en met vertooningen van den eenen of anderen goochelaar aangenaam bezig gehouden. Ook hebben zij des zomers een dag, waarop zij gezamenlijk met de leden der Commissie naar buiten

-ocr page 15-

13

gaan. In een buitenherberg wordt voor feestelijk onthaal gezorgd en de dag verder genoegelijk doorgebracht. Hier moet opgemerkt worden , dat de Commissie door bijzondere giften van v/eldoeners, buiten bezwaar van de kas, tot het geven dier genoegens in staat gesteld wordt. Ook wordt het feest van den H- Jozef, den patroon der Vereeniging , plechtig gevierd. Maar vooral moet het jaarfeest, dat op een der Zondagen van September valt, vermeld worden. Op dien dag wordt in de kapel der Eerw. Broeders eene H. Mis voor de weldoeners en leden der Vereeniging opgedragen en daarmede eene algemeene Communie van leden der Commissie en leerlingen. Na de H. Mis wordt een ontbijt in het gesticht aangeboden. Des avonds worden ouders, patroons, leden der vijf Conferenciën van den Haag, leden van den bijzonderen Raad en van den Hoofdraad verzocht; de proefstukken, welke de leerlingen ten bewijze der gemaakte vorderingen vervaardigd hebben , zijn ten toon gesteld. Op dezen avond worden eenige stukjes gezongen , de prijzen verdeeld en wordt een korte toespraak door een geestelijke gehouden. Prijzen worden gegeven voor het proefstuk, het teekenen , het ononderbroken bezoek der zondagsschool, de getrouwe deelneming aan de spaarkas, de getrouwe komst op de Vereeniging, het braaf gedrag bij ouders en patroons. Deze prijzen bestaan grootendeels uit kleederen en gereedschappen, zoodat niet zelden een goed stuk gereedschap den werkman , als hij oud geworden is , herinnert, dat hij lid geweest is van de Arnbachtsleerlingen-Ver-eeniging en aan haar grootendeels zijn eerste vorming te danken heeft.

Een ieder zal begrijpen, dat dit Liefdewerk niet goedkoop is; het werkt met eene begrooting van 1200

-ocr page 16-

I4

tot 1500 gulden; hiervan wordt eene som van 300 gulden door den bijzonderen Raad en het resteerende door donateurs en andere weldoeners geschonken. Vermelding verdient de uitnemende wijze, waarop de leden der Commissie geld verzamelen; ieder hunner heeft een lederen beursje met een koperen knipbeugel, waarop de woorden gegraveerd staan: St. Vincentius. Voor de arme ambachtsleerlingen, leder lid der Commissie draagt dit zakje altijd bij zich en bewaart daarin de giften, die hij van zijn vrienden en bekenden ontvangt. Eens in het jaar worden deze beursjes leeg gestort en de gezamenlijke som heeft menigmaal een aanzienlijk bedrag opgeleverd. Niet zelden ook gebeurt het, dat iemand , die door drukke bezigheden en andere omstandigheden gedwongen wordt de Commissie voor een tijd of voor altijd te verlaten, als bijzondere gunst verzoekt zijn beursje te mogen behouden, om hier en daar eenige bijdragen voor het Liefdewerk in te zamelen en die eens in het jaar aan de kas van de Vereeniging af te dragen.

Misschien hebben wij, die als goede Vincentianen doordrongen zijn van het beginsel, dat kennis zonder deugd niet baat, de geschiedenis van dit Liefdewerk lezende , reeds meermalen de vraag op de lippen gehad : wat wordt hier aan den godsdienst gedaan ? Maar vooreerst is de godsdienst als de grondslag, waarop dit geheele gebouw rust; het christelijk geloof is als olie in het merg van het gebeente van dit Liefdewerk doorgedrongen ; de godsdienst is als de ziel van geheel het werk en gelijk in iedere beweging van het lichaam zich het leven der ziel openbaart, zoo vertoont zich de godsdienst in iedere verrichting van dit Liefdewerk , zonder godsdienst zou het gelijk zijn aan een lichaam

-ocr page 17-

i5

zonder ziel, aan een lijk, dat uit elkander valt en tot bederf overgaat. Bovennatuurlijke liefde voor God en voor de menschen is de beweegreden , waarom de leden der Commissie zich zoovele genoegens ontzeggen en zoovele moeiten getroosten; die liefde is de reden, waarom donateurs en weldoeners hunne giften opofferen.

Dat godsdienstig leven openbaart zich natuurlijkerwijze in verschillende daden ; de Vereeniging is gesteld onder bescherming van den H. Jozef, den werkman van Nazareth en den voedstervader van onzen dierbaren Verlosser ; alle oefeningen worden geopend en gesloten met een kort gebed; sedert 1876 geven de ZeerEerw. Paters Jezuiëten der parochiekerk van de H. Teresia iederen Zondagavond van 6 tot 7 uur een meer uitgebreid katechetisch volksonderricht. Er zijn twee alge-meene Communiën , waaraan de leden der Commissie en de leerlingen deelnemen : op den eersten Zondag na 19 Maart, het feest van den H. Jozef en op het Jaarfeest der Vereeniging in September, terwijl ook de andere Communiën der leerlingen zooveel doenlijk door deleden der Commissie gecontroleerd worden. Tweederde gedeelte der beschermelingen is lid van eene Jongenscongregatie, die door den ZeerEerw. Pater A. A. J. Zwa-kenberg bestuurd wordt; ook worden om de twee of drie jaar eenige geestelijke oefeningen voor de leerlingen gehouden.

In dit Liefdewerk wordt voor de leerlingen gezorgd , niet alleen als zij gezond zijn , maar ook als zij ziek worden; dan wordt de zieke door een of twee leden der Commissie bezocht, die tevens zorg dragen, dat versterkende middelen, zoo noodig, aan den patient verschaft worden. Ook wordt in de bijeenkomst dei-leden van de Commissie een kort gebed voor zijn herstel

-ocr page 18-

i6

aan den goeden God opgedragen. Wanneer een leerling der Vereeniging overleden is, wordt hij door zijn medeleerlingen grafwaarts gedragen , terwijl eenige leden der Commissie het stoffelijk overschot van hun beschermeling naar de laatste rustplaats vergezellen; ook draagt de Vereeniging zorg, dat eenige H. Missen in de parochie-kerk voor de rust zijner ziel worden gelezen en liefst op Zondag, opdat de leden der Commissie en de leerlingen gelegenheid hebben bij die H. Mis tegenwoordig te zijn en, als het kan, te Communie te gaan.

Mag ik hier eene bladzijde uit de verslagen der Vereeniging overschrijven ? Ik ben verzekerd, dat die weinige regelen iederen lezer treffen zullen: «24 September 1869. Met leedwezen ontving de Commissie het reeds lang gevreesde bericht van het overlijden van den ambachtsleerling van VVansem. Waren zijne vorderingen en gedrag met recht veel belovend , ook bij zijn afsterven gaf hij het bewijs een goed hart te bezitten en de belangstelling der Commissie waardig te zijn. Toen hij zijn einde voelde naderen , verzocht hij zijn vader de Commissie in zijn naam te bedanken voor de genoten belangstelling met verzoek bij het ter aarde bestellen van zijn stoffelijk overschot nog eenmaal de woning van den President te passeeren, waarin hij zoo menige liefderijke opwekking en bewijzen van deelneming had mogen ondervinden »

Zoo zien wij, dat een echte familiegeest in het huisgezin der Vereeniging heerscht; dit is vooral waar onder de leden der Commissie, die op dit oogenblik 21 in getal zijn. De ijver van den President bezielt allen en alles , hij maakt het werk gemakkelijk en het heengaan zoo moeielijk, dat er inderdaad eene zwaar-

-ocr page 19-

17

wichtige reden moet bestaan om aan aftreding te kunnen denken.

En de uitkomsten van al deze bemoeiingen ? Wegen de goede gevolgen op tegen de moeite, die wordt aangewend ? Allereerst verklaart de aard zelf van het Liefdewerk, — jongens uit huisgezinnen , die door de Conferenciën bezocht worden , tot bekwame en brave werklieden te vormen — dat hier veel wezenlijk verloren en veel schijnbaar verloren moeite besteed wordt. Maar daartegenover staat vast, dat één enkel goed gevolg, zoowel in het geestelijke als in het tijdelijke, van onberekenbare waarde is, daar iedere bekwame en deugdzame werkman, door deze Vereeniging met de hulp des hemels gevormd, de stamboom wordt van een geheel goed geslacht.

Maar om de uitkomsten van dit Liefdewerk in bijzonderheden te kennen, moet men de teekeningen gezien hebben, die door de leerlingen vervaardigd en bij de jaarfeesten ten toon gesteld worden; daarvoor beschouwe men de verschillende proefstukken, die door de leerlingen afgeleverd worden en waarbij men de langzaam voortgaande vorderingen jaar achter jaar volgen kan ; daarvoor moet men getuige geweest zijn van eene plechtigheid , als dit jaar heeft plaats gehad en waarbij 13 flinke leerlingen, die hun achttiende jaar bereikt hadden, — waarvan 12 met een zeer gunstig getuigschrift — het Liefdewerk verlieten om zich bij de Sinl-jozefsgezellen-Vereeniging van den Haag aan te sluiten.

Te dikwijls helaas is de President der Commissie verplicht leerlingen ter handhaving van orde en tucht weg te zenden, maar dan moeten zij het inderdaad erg gemaakt hebben; de leden der Commissiesparen,

-ocr page 20-

i8

zoolang zij kunnen en de goede uitkomsten dier lankmoedigheid zijn treffend. Een jongen wordt opgenomen, van wien gezegd wordt, dat liij ondeugend is, liegt, bedriegt en steelt; men vindt een bekwamen en flinken patroon voor dien jongen, maar hij wordt wegens diefstal weggejaagd. Twee leden der Commissie gaan naar den patroon en verzoeken hem den knaap terug te nemen; hij wordt wederom opgenomen, maar moet binnen kort andermaal voor diefstal worden weggezonden. Nog eens doet een lid der Commissie pogingen bij den patroon tot terugneming van den leerling, maar vruchteloos ; nu roept hij de echtgenoote van den patroon ter hulp, wijst op hun eigen kinderen en smeekt medelijden te hebben met den knaap. Met lid der Commissie heeft goed gesproken, hij heeft eene gevoelige snaar aangeraakt en het voorstel om het met den knaap nog eens te beproeven wordt in bedenking genomen. Hij mag weer terugkomen; zijn zakken worden dichtgenaaid , hij begint goed op te passen, houdt vol, wordt een uitstekend leerling en een goed gezel; hij is later getrouwd, zelf patroon en een welgesteld burger geworden. Nog een voorbeeld : twee verwaarloosde jongens van verwaarloosde ouders worden aangenomen , en na veel moeiten en kosten komt de een in de gevangenis terecht voor diefstal, terwijl de ander een bekwaam en braaf werkman wordt, die door zijn goed voorbeeld iedereen tot stichting is. Met is duidelijk, dat zulke feiten den leden der Commissie moed geven en het groote en onwaardeerbare nut van het Liefdewerk daghelder aantoonen.

Ongetwijfeld is het Liefdewerk der Sint-Jozefsambachts-leerlingen van onberekenbaar nut voor Kerk en maatschappij , en daarom heeft onze Heilige Vader Paus

-ocr page 21-

\'9

Leo XIII reeds verschillende malen gewezen op de groote voordeden en schoone uitkomsten, die door deze Ver-eeniging worden uitgewerkt; hij heeft de mannen aangespoord lid der Commissie te worden en zijn Aposto-lischen zegen geschonken aan allen, die tot het doel der Vereeniging medewerken.

Nu in onze dagen het toenemend ongeloof, het goddeloos onderwijs en de zoogenaamde sociaal-democratische beweging zich vereenigen tot één kracht, die alles met vernieling bedreigt, is vooral dit Liefdewerk een golfbreker tegen dien woest aanrollenden en alles in zijn vaart medesleependen stroom. Den Hemel zij gedankt, de werkmansstand in ons dierbaar vaderland is nog niet de prooi van het ongeloof geworden ; maar vreese-lijke gevaren dreigen en het gerommel in de verte kondigt een naderend en verschikkeli)k onweder aan , en met smart zien wij, dat alle godsdienstige Vereenigingen , die buiten de Katholieke Kerk staan , met iederen dag aan krachten verliezen , zoodat zij in den draaikolk des verderfs haren ondergang zullen vinden, als zij geen toevlucht zoeken op de rots, waarop Christus zijne Kerk gebouwd heeft; zij alleen zal bestand zijn tegen alle vijandige machten, omdat niemand of niets ter wereld het woord van den Christus, den Waarachtige , onwaar kan maken : de poorten der hel zullen haar niet overweldigen.

De geest des geloofs doet het Liefdewerk niet enkel leven , maar waarborgt tevens zijn vruchtbaar en voortdurend bestaan. Het woelen der golven mag trotsche paleizen ondermijnen en krakend in elkander doen storten; dit Liefdewerk is gebouwd op de onwankelbare rots.

Meer dan achttien eeuwen geleden was te Nazareth

-ocr page 22-

20

een armoedig huis; daarin leefden een werkman , die met handenarbeid in zijn onderhoud voorzag en eene moeder met haar Kind, dat onder leiding van zijn voedstervader het handwerk beoefende. Die man is de H. Jozef onder wiens bescherming dit Liefdewerk zich gesteld heeft; die moeder is de Allerheiligste Maagd Maria; dat Kind is de eenige Zoon Gods, die voor ons is mensch geworden, om ons te verlossen uit de slavernij des duivels. Hij, onze goddelijke Zaligmaker , heeft den handenarbeid uit het slijk des heiden-doms opgenomen, verheven en geheiligd. Hij , de Godmensch, is het toonbeeld, de kracht en de belooning van den werkman. Hij, onze dierbare Verlosser, zal den handenarbeid redden uit de macht van het ongeloof onzer dagen en het Liefdewerk der Sint-Jozefs-ambachtsleerlingen zal een zijner werktuigen zijn.

Hij zegene de leerlingen, de ouders, de patroons, de leden der Commissie! Hij zegene het Liefdewerk der Ambachtsleerlingen van \'s Gravenhage !

IMPRIMATUR.

A. J. van Kester,

Libr. Cens.

Hagae-Comitis, die V. Nov. 1886.

-ocr page 23-