-ocr page 1-

i

Partus Arte Praematurus.

proefschrift

DOOR

Th. G. DEN HOUTER.

LEIDEN. — G. LOS. 1889.

-ocr page 2-
-ocr page 3-

PARTUS ARTE PRAEMATUR

-ocr page 4-

CEUKUKT UiJ J. J. GHOtN 1c LEIDEN-

-ocr page 5-

PARTUS ARTE PRAEMATURUS.

IE3 IR O E IF S C HHE IR. I IP T

TER VERKRIJGING VAN DEN GRAAD VAN

POCTOR IN DE pENEESKUNDE

AAN DE RIJKS-UNIVERSITEIT TE LEIDEN,

Ol\' ÜÜZAG VAN DEN RECTOR MAGNIFICUS

Dr. A. P. N. FRAN CHOI ONT,

HOOGLEERAAR IN DE FACULTEIT DER WIS- EN NATUURKUNDE,. VOOR DE FACULTEIT TE VERDEDIGEN op Vrijdag\' 30 December 18S9, des namiddags ten 3 ure,

DOOR

THOMAS GEERT DEN HOOTER,

LEIDEN. — G. LOS. 1889.

-ocr page 6-
-ocr page 7-

Aan mijne Ouders.

-ocr page 8-
-ocr page 9-

Een woord van dunk aan alle Hoogleeraren, va» wie ik onderwijs ontving, moge hier eene plaats vinden.

Meer hijzonder hetuig ik mijne erkentelijkheid aan TI, Professoren der Medische Faculteit, aan wier leiding ik zooveel ver-schiildigd hen.

Wees Gij bovenal Hooggeleerde Treub, geachte Promotor, van mijne oprechte dankbaarheid verzekerd voor den heuschen bijstand en de welwillende hulp die ik menigmaal, ook nu weder, hij de samenstelling van dit proefschrift, van U heb mogen ondervinden.

-ocr page 10-
-ocr page 11-

INLEIDING.

Onder partus arte praematurus verstaat men algemeen liet kunstmatig in gang brengen en verder aan de natuurlijke krachten overlaten eoner baring, op een tjjdstip waarop de vrucht buiten de baarmoeder kan leven.

Bij deze operatic, die wij wellicht niet geheel juist „kunstmatig vervroegde, natuurlijke baringquot; zouden willen noemen, bestaan noch andere, noch ook meerdere aanwijzingen tot het tusschcnbeide treden dor kunst, dan die zich bij eiken partus aan het normale einde der zwangerschap kunnen voordoen.

De hier gegeven omschrijving van part. arte praem. scheidt dezen dan ook streng af van het „accouchement forcequot; waarbij op ieder tijdstip der graviditeit, de vrucht door kunstmatige hulp uit de baarmoeder kan worden verwijderd. Hoewel ook wij in het volgende opstel de bovengemelde beteckenis zullen vasthouden, omdat zij door het spraakgebruik is gerechtvaardigd, wenschen wij er toch op te wijzen dat „partus arte praematurusquot; alleen kan vertaald worden door „kunstmatig vervroegde baringquot;. Ilier-

1

-ocr page 12-

2

mede vervalt dus feitelijk de tegenstelling tussclien part. arte praem. en accouchement forcé, daar veeleer het woord „partus arte praematurusquot; de begrippen „kunstmatig vervroegde natuurlijke baringquot; en „accoucliement forcéquot; beide in zich bevat.

ITet hier te behandelen onderwerp 1) zal worden verdeeld in :

1°. een geschiedkundig overzicht,

2quot;. eeiio kritische bespreking dor verschillende wijzen waarop de kunstbewerking wordt verricht,

Bquot;. eene beschouwing over de aanwijzingen tot en do voorspelling van deze operatie, gevolgd door eene korte mededeoling van sommige zich hier aansluitende punten.

\') Niet weinige bronnen zijn voor ons ontoegankelijk gebleven, in weerwil van de pogingen, die wij in binnen- en buitenland hebben aangewend, om de literatuur eenigermate volledig te leeren kennen.

-ocr page 13-

HOOFDSTUK 1.

HISTORISCH OVERZICHT.

De geschiedenis dezer niet zeer oude verloskundige kunstbewerking moge door overvloed van goed gekende feiten rijk genoemd worden, haar ontstaan ligt voor ons nog geheel in hot duister, onbekend als wij zijn met do invloeden die op hare wording hebben ingewerkt.

Het oudste zekere bericht is van Denman \') (1783 —1815) die ons verhaalt hoe naar do inlichtingen, die Dr. Kelly hem verstrekte, in 1756 eono vergadering van geneesheeren te Londen is gehouden, om over het nut van part. arte praem. te spreken, maar vooral om te overwegen of de kunstbewerking uit een moreel oogpunt was goed te keuren.

Do vergadering waarop de beste en kundigste obstetrica-toren van Londen aanwezig waren, besloot met meerderheid van stemmen, dat part. arte praem. nuttig was en ook op zedenkundige gronden moest worden goedgekeurd. Het is duidelijk dat hier eene reeds uitgeoefende kunstbewerking wordt besproken, zonder dat ons evenwel ook

\') An Introduciion to the practice ot\' Midwifery. Deel II. Londen. 1795.

-ocr page 14-

4

mnar met con enkel woord wordt vermeld, waar en door wien (loze operatic dan reeds vroeger was verricht.

Denman meent dat het spontane optreden van part praem. bij vrouwen met vernauwd bekken en liet gunstige beloop, dat die baringen dikwijls voor moeder en kind beiden hadden, een verloskundige op het denkbeeld moet hebben gebracht om de vroegtijdige baring kunstmatig te verwekken in geval van bekkenvernauwing, vooral daar het toch in het oog moest vallen, dat die te vroeg geborenen juist aan hunne onvolkomen ontwikkeling het leven te danken hadden. Deze onderstelling van Denman kan nu wel niet onze gebrekkige kennis aanvullen, maar zij is toch zeer waarschijnlijk, minstens even waarsclnjnlijk als Merriman\'s \') (1771 —1852) meening, dat men n. 1, door het lezen van de werken van Guillemeatj , (1550—1C30) Maüriceaü (1637—1700) en Puzos (1G86—1753) tot part. arte praem. zou gekomen zijn.

Do nu volgende algemeene schets van de ontwikkeling dezer kunstbewerking vangt aan bij de oudste op de operatie betrekking hebbemle feiten en eindigt bij het midden van deze eeuw. Wat het punt van uitgang aangaat zijn wij ons bewust, dat er vele schakels aan het historisch geheel ontbreken.

Het laatste tijdstip is gekozen, omdat men mag aannemen dat eerst nu de part. art. praem. als kunstbewerking overal wordt beoefend en aangeprezen, waar zij vroeger

\') Medico-Chirurgical Transactions Deel III 1812.

-ocr page 15-

door afwisselende felle bestrijding en overdreven lof gedurig weer word verdrongen of misbruikt, al naardat haar tegen-of voorstanders de machtigsten waren.

In den loop van ons overzicht moge verder aan sommige feiten herinnerd worden, die strikt genomen wel geen deel uitmaken van de te behandelen geschiedenis, maar die op de wording dezer kunstbewerking voorzeker invloed zullen hebben uitgeoefend, en wier vermelding daarom niet onbelangrijk mag heeten.

Het is van algemeenc bekendheid hoe reeds in oude tijden abortus werd opgewekt en in sommige lauden zelfs eene volkszonde was geworden. Zoo geeft ons Ovidius \') door de beschuldiging tegen de „tenerae puellaequot; van zijn tijd, dat zij wreeder zijn dan tijgers en leeuwen, daar zij door scherpe voorworpen de vruchten in utero dooden en afdrijven, een blik op de toestanden in Rome vóór en tijdens keizer Augustus.

In de verdere geschiedenis van den abortus moge alleen nog de aandacht vallen op Avicenna -) (980—1037), omdat deze eonc bijzondere wijze om miskraam op te wekken aanbeval. Hij zegt: „Et de regimine bono in illo, est, ut intromittatur in os matricis praegnantis charta involuta in modum licinii, aut penna, ant lignum abrasum, vel poli-tum et factum acutum in modum licinii, cum mensura quantitatis fusti, vol rami ex usnen; aut ruta, aut hortauita,

\') Amoves lib. II 12e Elegie.

2) Von Ritoen. Monatsehrift für Geburtskunde bd. II.

-ocr page 16-

O

aut seraclis.quot; Verder beval Avicenna intrauterine injecties aan, van abortus opwekkende middelen, zonder dat hierbij de vliezen werden geopend. Hij beschrijft een en ander aldus: „Oportet ut sit instrumentum quo injectiü fit, trian-gulatae extrenütatis, longum luxbens collum, secundum mensuram longitudinis colli raatricis mulieris, quae curatur, et taliter, ut ingrediatur os matricis, et sontiat muiier, quod iam pervenit in spatiura, intra matricem, et injieiatur peripsum illud. quod iuterfecit, et quod lubricat et quod extrahit.quot; Hieruit blijkt dat Avicenna uteruscontracties wist op te wekken door voorwerpen die den cervix uteri dilateeren en prikkelen, en intrauterine iiijecties; en men mag dus tot op zekere hoogte deze handelwijze beschouwen als de prototype van alle latere dilatatie- en injectiemethoden. De raad van Avicenna werd niet vergeten, getuige een abortus dien Fontaxo \') 1G00 zag opwekken naar het volgende voorschrift: „Accipe radicem teneram nucis juglandis recentis piilmae longitudine, earn abrade cultello, quousque attenuetur instar digiti minimi. Hoc pessarium utero inde. Ab eiiiri impositione tantus consurgit fragor et ardor, ut uterus uri videatur. Eins acrimonia sanguis provocatur et fetus expellitur.quot;

Kwam er dus zooals men ziet weinig verbetering iu de wijze waarop de miskraam word opgewekt, eveneens was het met de meening, die men over de afgedreven vrucht

\') A. G. Sciiultz Specimen medico-obstetricura inaugurale de Partu Praematuro Arte Provocando. Groningae. 1825.

-ocr page 17-

7

koesterde. Do beschouwing der Stoïci \') over een kind in utero, dat hot geen levend wezen was, maar „pars ventris, non animal, utque fructus, qui stirphim partes sunt, ubi maturuere defluunt,quot; werd althans in de praktijk vrij algemeen ffehuldigd.

o o

De Napolitaan Joannes Antonius Bozavotea -) raadde in 1545 wel aan, ader te hiten ter voorkoming van miskraam, maar tevens beschouwt hij het te vroeg uitdrijven der vrucht (ook van 8 maanden) als „actio naturalis, uteri oxpultricisquot; even natuurlijk en heilzaam, als het ophoesten en uitbraken van prikkelende stoffen

Eene andere zienswijze, die behalve voor het lichaam der vrucht, ook een open oog had voor het onstoffelijke, dat aan die vrucht wordt toegekend kon niet zonder invloed blijven. Het kan dus niet bevreemden dat Raphael Maxius \'), een medisch schrijver uit het laatst der zestiende eeuw, voorslaat den abortus, indien dit mogelijk is, eerst in de laatste maanden der zwangerschap op te wekken. Hij verklaart zijn voorslag aldus; „foetus, etiamsi per vim ab utero extrudatur vivere tarnen potest, aut saltom nondefrau-datur vita aniniae, quia vivus nascitur et baptizari potestquot;. quot;Wel is hetgeen hij aanprijst niet geheel en niet enkel part arte praem. zooals wij dat verstaan, wel duidt het „per vimquot; accouchement force aan, maar toch zal men dezen

\') Plutarchi de placitis philosophorum.

2) Opus practicis perutile de venae seetione in uteiu gerenti, aduer-sus negantcs huismodi auxilium pro cautione abortus. Romae 1545.

3) Landau Archiv. für Gynaecologie bd. II.

-ocr page 18-

8

auteur, die hier door zijne godsdienstige overtuiging geleid werd, moeilijk den lof\' kunnen onthouden van zijnen tijd in dezen hijna twee eeuwen te zijn vooruit geweest.

Carolus Drelikcürtiüs \') (1C33—1697) van wiens werkje do 4o uitgaaf in 1G80 te Leiden verscheen, was voel verder in kennis dan laatstgenoemde. IIij betoogt tegen de leer van Hippocrates in, dat vruchten van acht maanden extra uterum kunnen leven, indien zij n.1. niet door geweld zijn uitgedreven. Zijne meening is: „omnem sponte nasciturum octimestrem fore vitalem.quot;

De verloskundigen die wij nu als voorbereiders van den part. arte praem. hebben te vermelden, zijn Guillemeau, Louise Boukoeois (1464—1650) en Justin a Siegemundin. 3 Ion ver wondere er zich niet over dat hier twee vrouwelijke verloskundigen als personen van beteekenis worden vermeld. •Veeleer is het tot lof van Guillemeau, die een leerling van den grooten Ambroise Paré (1510—1590) was, dat ook mannen hier kunnen worden genoemd. Immers ten tijde van Paré en Guillemeau en ook nog later, beoefenden do vrouwen bijna uitsluitend de verloskunde en voorzeker mag men de woorden van le Bon2) van 1586 „It;iec enim ars viros dedeeetquot; geheel beschouwen als de meening van die dagen.

\') De partu octimesfcri vivaci diatriba. Lugd. Bat 1GG0.

\'*) Dr. Ed. Casp. Jac. von Siebolu. Ahhandlungen dor Königlichen Gesiellschaft der Wissenschaften zü Götfcingen. Ier Bd. 1843. Juan le Bon heette ook wel „Probus Heteropolitanusquot;, hij schreef omstreeks 1570 eene „Therapeia puerperarumquot;.

-ocr page 19-

Guillemeau 1), wiens boek over verloskunde in 1C09 verscheen, kent alleen het aceouchemcnt force, welk middel door hem in vele gevallen mot goeden uitslag is toegepast, o. a. in 1599 bij Mademoiselle Simon, eeno dochter van Paré. Bij placenta praevia lateralis gaat Guillemeau aldus te werk; „II (de plaeenta) sera rcmis et repousse lo plus diligemment que faire se pourra: et si la teste do l\'enfant se presente olie sera conduicte droict au couróncment, pour aydcr a 1\'accoucliement naturelquot;. Indien men bemerkt dat „la dito teste no se puisse tost advancerquot; dan doe men versie en extractie. Uit deze woorden blijkt dat Guillemeau, die do vliezen moest breken om bij liet hoofd te kunnen komen en de placenta ter zijde te schuiven, den invloed van het afloopen van vruchtwater op de weeën, niet alleen heeft gekend, maar bovendien genoeg op het gevolg van het breken der vliezen hoeft vertrouwd om een „accouchement naturelquot; te durven afwachten.

In haar „Observations diversesquot; etc., waarvan de eerste druk in 1GÜ9 te Parijs verscheen, raadt Louise Bourgeois, Sage-Femme de la Ivoyne, het acc. force aan bij metrorrhagie in de graviditeit. Zij zelve beschouwt zulk eone verlossing als door geweld getermineerd, want zij opent het ostium en breekt de vliezen : „ainsi que Ton feroit une porto pour sauver une maison du feuquot;. Ook deze vroedvrouw weet terdege dat er weeën ontstaan na het breken der vliezen, zij weet, dat bij te vroeg afloopen van vruchtwater dikwijls binnen 24 uren de verlossing volgt; ze durft echter het

\') L\'heureux Accouchement des femraes. Paris. 1609

-ocr page 20-

10

broken der vliezen niet aan te bevelen, om do beschuldiging te ontgaan „d\'avoir fait accoucher la femmequot;. A1h middel om miskraam on part, praem. to voorkomen, raadt zjj do vrouwen aan: „de ne couchor avoc leur maryquot;.

Justin a Dittrichs \'), genaamd Siegemund, wordt somtijds bescliouwd als de eerste die part; arte praom. opwekte door vlicssteok; deze mooning, door niet weinigen met voorliefde aangehangen en verdedigd, blijkt minder juist to zijn Immers Siegemund kende evenals Güillemeau het gevolg van het breken dor vliezen; alleen zij hoeft moor dan hare Fransche voorgangers, die kennis zich ton nutte gemaakt bij bloeding in de zwangerschap. Zij breekt de vliezen met ceno haarspeld en wacht dan do weeën af, indien de bloeding niet al to sterk is; wol hoeft Güillemeau dit ongeveer ook gedaan, maar minder stelselmatig dan Siegemund. Dit is voor een groot deel hare verdienste, welke wij echter niet moeten zoeken in het gebruiken van eene haarspeld, daar dit vrouwelijk wapen reeds lang vóór haar, door de „fkiseuses d\'angosquot; werd aangewend om hun schandelijk en gevaarlijk handwerk uit te oefenen. Wij blijven nog even stilstaan bij een verhaal, dat ons door Siegemund wordt gegeven, van oene aanklacht tegen eene vroedvrouw Titia, door een geneesheer Sempronius. De aanklacht tegen Titia luidt, dat zij op allerlei schandelijke manieren eene baring tracht te bevorderen of zelfs vóór don tijd tracht op te wekken. Deze beschuldiging

\') die Chur-Brandenburgische Hofwehemutter. 1C90. Ned. Vert. Amsterdam 1G91, door Coknklus Solinoen, getiteld Spiegel derVroed-Vrouwen.

-ocr page 21-

11

word door do „boogloffclijko faculteitou dor Medicynoquot; van Jena, Loipzig on Frankfort a. d. Odor ongegrond bovondon; bovondion verklaarden de genoemde lichamen dat een te vroeg geboren kind (vaa 8 maanden), nooit tot bot 3de jaar kon blijven loven.

Uit dit verhaal, dat de meening van Siegemtjnd en hare tijdgenooten weergeeft, blijkt dat dozen niet hot rechte begrip van part. arte praom. konden hebben, daar zij do eerste voorwaarde voor deze kunstbewerking, do lovens-vatbaarheid van hot kind loochenden.

De invloed van Siegemund\'s geschrift is duidelijk merkbaar in do „dissertatie de abortu salubriquot; van 1707, door Johannes Boiix (1040—1718). Hij wil evenals Siegemukd bjj bloeding in de zwangerschap do vliezen met .oen werktuigje openen en afwachten; bij placenta praevia handelt luj als zijne voorgangster on verwijdt het gat in de placenta mot de vingers „sowoit dies dor Muttermund erlaubtquot;, terwijl Justixa Siegemund hetzelfde ongeveer raadt in de woorden; „durch dieso boydo Finger kan man das Loch im Lebor-kuchen so gross machen als os noting, das man zum Kindo kannquot;. Is Bohn\'s liandolwijzo slechts oen getrouwe nabootsing-van hetgeen Siegemund loerde, ook zijne therapie bij zeer heftige metrorrhagiën toont geen spoor van vooruitgang; bij doet accouchement force zoo ruw mogelijk, zonder de minste pauzoering bij hot dilateeron van het ostium uteri. Bohn\'s wijze van opereeren mag niet op zichzelve worden beschouwd, maar alleen in verband met die zijner voorgangers en tijdgenooten on dan is hot oordeel gewettigd, dat bijv. vox

-ocr page 22-

12

Ritgen \') (1787—1867) aan Bonn\'s werk te groote waarde voor den part. arte praem. lieeft toegekend. Geheel anders is onze mecniug omtrent Johan van IIüoen (lGGl-^1721) en Nicolaas Puzos; de laatste is veel besproken en slecht begrepen, de eerste scliijnt geheel onbekend te zijn in betrekking mot dit onderwerp en is daarom do vermelding hier dubbel waardig. Johan tan Hoorn geeft in „Siphm en l\'na\', een boek dat in 1715 verscheen, den volgenden raad bij metrorrhagie in do zwangerschap: „men moet trachten den Baarmoeders-Mond van lieverlede te verwijderen, met zulke zagte pogingen, en in dezelfde order, als de natuur gewoon is te gebruiken in do gewone Verlossingen. Hierdoor worden Ween verwekt, en de Baarmoeder in werking gesteld; en dit doet do vliezen aannaderen, waardoor de Mond der Baarmoeder geopend word. He vliezen verbroken zijnde, en het water weggevloeid, krijgt de Baarmoeder gelegenheid, om zich samen te trekken, waardoor het kind meer naar de opening geperst en de vloed gestild wordquot;.

Do bespreking over de boven aangehaalde woorden kan gelijk geschieden met het onderzoek van den raad, dien Puzos ons heeft gegeven; alleen zij hier nog vermeld dat vax Hoorn na zijne terugkomst uit Parijs, in 1C97 een boek voor vroedvrouwen uitgaf, getiteld: „Don Svenska valöfvade Yordgumman af Jou. van Hoorn, Stockholmquot;. Op nader aan te geven gronden mogen wij besluiten, dat reeds in dit

•) 1. c.

-ocr page 23-

13

werk de bovengenoemde methodus operandi zal vermeld geweest zijn.

Merkwaardig is liet misverstand, dat ten opzichte van Puzos\' handelwijze bij metrorrhagie sedert langen tijd bestaan heeft en nog bestaat. Verreweg do meeste handboeken en geschriften, ook de nieuwere, o. a. Ritgen on Feu ling \'), die van Puzos melding maken, schrijven aan hem: „Rei-bungen des Muttermundesquot; toe om uteruscontracties op te wekken. AVjj behoeven slechts te melden wat Puzos werkelijk gezegd heeft, om te doen zien tot welke zonderlinge vergissingen slecht lozen en gedachteloos naschrijven kunnen leiden. Kelsch -) en Hoffmann :!) hebben begrepen wat Puzos heeft gezegd en hebben dan ook zijne woorden goed vertolkt; het verkeerd verstaan advies is overgenomen door Ritgen 1), die bij primiparae aldus part. arte praem. aanbeveelt: „Nachdem dor Zei go- und Mittelfinger der linken Hand möglichst tief, sanft in die Scheide eingeführt sind, reibe man den Muttermnnd wahrend etwa 5 bis 10 Minuten gelinde mit den Finger spitzenquot;.

Puzos zelf raadde toch: „(un moyen) tenant nn milieu entre 1\'accouchement naturel et raccouchement force (et qui) remplit mieux que tout autre l\'indication d\'accoucher néces-sairement et d\'accoucher promptementquot;. Puzos „augmente la dilatation do l\'orifice avec le travail des doigts, dans le

1

) Die Anzeigen der meclianischen Hülfen bei Entbindungen. Gies-sen. 1820.

-ocr page 24-

14

même ordre ct avec nu tan t dc douceur que la nature a coutumc de s\'y employer dans les cas ordinaires; eet écartement gradue, intcrrompu de temps en temps par des repos, fait naitre des douleurs, il met la matrice enaction, et l\'un et l\'autro font gonfler los membranes qui contieu-nent les eaux de I\'enfant; 1\'attention pour lors doit être d\'ouvrir los membranes lo plutót qu\'on peut, et c\'est ainsi qu\'on procédé a 1\'accouchement par le travail de la nature aidé dc l\'art.quot; Deze methode werd door Puzos bekend gemaakt in hot eerste doel der: „Mémoires de l\'académie de chirurgiequot; to Parijs in 1743; in zijn handboek over verloskunde \') bericht hij ons, deze methode reeds voor 1737 to hebben verricht.

Uit do aangehaalde woorden blijkt dat Puzos van geen wrijven spreekt, maar wol van dilatecrcn van het ostium uteri door uiteensprciden der vingers. Stolt men zich bovendien don toestand voor, zooals wij dien bij gravidae vinden, dan valt het dadelijk in het oog dat zulk wrijven als o. a. door Ritgen beschreven is; somtijds zeer moeilijk zal zijn en steeds eene voor de vrouw hoogst ongowonschte psychische prikkeling zal veroorzaken. Wat Puzos aanraadt is aanmerkelijk beter dan hetgeen Boiin heeft verricht; de eerste wokt de utoruscontracties op en tracht die te versterken, do laatste rekent met de contractilitoit der baarmoeder in bet geheel niet. Keeron wij nu tot Jon an

\') Ned. vert van het Traité des accouchoments door C. Truntza, Med Doctor, Amsterdam. 1762. en 1764

-ocr page 25-

15

van Hoorn terug en vergelijken wij zijne methode met die van Puzos, dan is hot ons duidelijk dat de beide adviezen volkomen dezelfde zijn. Bedenkt men verder dat van Hoorn in 1097 Parijs verliet cn dat Puzos toon oorst elf jaren oud was, dan blijkt hot hoe onmogelijk hot is, dat beiden tegelijkertijd deze woorden uit een zelfden mond bobben opgevangen Echter mag men do mogelijkheid niet voorbijzien, dat van Hoorn en Puzos, onafhankelijk van elkander^ hetzelfde denkbeeld hebben geuit. Wil men evenwel bier-mede niet rekenen, dan zijn wij verplicht aan te nemen, dat Puzos van Joiian van Hoorn overschreef, en hierdoor vervalt geheel de toch reeds zeer onwaarschijnlijke meening van von Ritgen \'), dat n.1. Puzos het werk van Boiin zoude hebben gebruikt. Hoe dit alles echter ook zijn moge, vast staat dat Puzos den „Muttermundquot; niet wreef on dat van Hoorn, wiens raadgeving als de oudere boven die van Puzos moet gesteld worden, zijne kennis te danken had aan de Pranscho school.

Eer wij tot ons punt van uitgang terugkoeron worde nog even de aandacht op Smellie (?—17G3) gevestigd. Van don grooten man, die zijne verloskundige tang zoo meesterlijk hanteerde, is niet te verwachten dat hij voor eene kunstbewerking als de part. arte praem. in vuur geraken zou. Deze operatie immers heeft volgens de treffende opmerking van Wenzel -) (1709— 1827): „gar nichts Heroisches in ihrem BegrifFe, nichts Grewaltsames, nichts Lebensgefahr-

\') 1. c.

2) Caul Muller, üeber die künstliche Frühgeburt. Würzbm-g. 1837.

-ocr page 26-

16

licliosquot; cn kon dus voor Smellie niet zooveel aantrekkelijks bezitten als zijn forceps voor hem bezat. Tocli kende Smellie 1) alle gegevens die anderen tot bot kunstmatig verwekken van vroegtijdige baring bebben geleid; hij vermeldt gevallen van spontanen part. praem. bij vrouwen met vernauwd bekken. Zelfs heeft hij eene kopergravure gegeven van een bekken, waar een voldragen kind niet, en een van zeven maanden wel door heen kan gedreven worden.

Smellie wist alleen dat de vroegtijdige baring nuttig kan zijn; anderen hebben die wetenschap in praktijk gebracht cn de baring kunstmatig vervroegd, wij naderen daarom nu tot zijne tijdgenooten Macauly cn Kelly. Macauly is de eerste, die in 1756 bij de vrouw van een koopman in linnen te Londen met goed gevolg part. arte praem. opwekte, Kelly volgde Macauly spoedig na cn opereerde drie malen op dezelfde vrouw, terwijl Denman 2) ongeveer twintig keeren de kunstbewerking verrichtte. Aan Macauly komt dus ongetwijfeld de eer toe liet eerst op goede aanwijzingen de baring kunstmatig te hebben vervroegd, waar anderen slechts, betzij meer of minder duidelijk, liet wen-scbelijke dezer operatie hebben aangetoond. De eerste indicatie was zooals bekend is bekkenvernauwing cn eerst later werd door Denman de kunstbewerking ook om andere oorzaken aanbevolen en uitgevoerd.

\') Samuel MEititniAN. Die rogelwidrigen Geburten und ihro Behandlung, Duitsche vertaling van Kilian. 2e druk. 1845.

2) l.c.

-ocr page 27-

17

Barlow \') is mede een der eersten, die liet besluit van 175G in praktijk liebben gebracht; liij opereerde sedert 1783 en maakte zijne wijze van handelen bekend in oen brief aan Dr. Simmons te Manchester. Barlow -) schrijft, dat hij bjj aanzienlijke bokken vernauwing ter redding van moeder en kind beiden den part. arte praem. heeft opgewekt; evenwel geeft hij niet nauwkeurig aan hoe bij te werk gaat, alleen wordt gezegd dat ieder medicus gemakkelijk kan begrijpen op welke wijzo vliezen kunnen gebroken worden, zonder pijn voor do moeder. Vrees voor misbruik weerhield hom nauwkeurig te zeggen wat hij dood; alleen vermeldt hij dat zijne patiënten door hem worden gesuggereerd met eeno mixtuur: „from which the patient is taught to expect the desired result.quot; Do redactie van de London Medical Review and Magazine, waarin Barlow\'s brief verschoen, bericht dat hij do vliezen door een katheter zon hebben gebroken; slaagde hij niot möt don katheter alleen dan bracht Barlow er eeno fijne, puntige sonde door heen. Met Barlow en Merrimax (de oom), (1731—1818), welke reeds voor 1800 tien malen part. arte praem. had opgewekt, eindigt do rij der verloskundigen, dio liet votum der Londenscho geneesheoren hebben geëerbiedigd en opgevolgd. Dit eenigszins onverklaarbare feit wordt door de bovengenoemde redactie toegelicht; zij meent dat part. arte praem. veel vaker is opgewekt dan vermeld wordt:

\') Medical and Physical Journal Vol. 5. 1801.

2) London Medical Review and Magazine Vol. 3. 1800. en Medical Facts and Observations. Vol. 8.

2

-ocr page 28-

18

„butquot;, zoo betoogt zij, „from the peculiar delicacy of the subject, and tbe apprebension tbat tbc operation migbt be resorted to, on other and improper occasions no one has chosen publicly to acknowledge be had ever practised it.quot; Het blijkt dus dat do vrees voor misbruik, zonder onderscheid allen, voorstanders en vijanden dezer operatie beeft bezield; bi orb ij dient echter gezegd dat voor die vrees geen redelijke grond is aan te wijzen. Veel boter is liet te verstaan, dat sommige voorstanders zwegen ter wille van de zeer machtige publieke mecning on de weinig minder machtige private opinie dor geneeskundigen van naam. \')

Twee tegenstanders uit dezen tijd Leigtiton -) en Nisbetquot;\') (1759—1822) brachten in 1800 hunne bezwaren te berde. Nisbet o. a. gelooft niet dat de part. arte praem. ooit den scherpen baak zal kunnen verdringen.

In 1790 en 1797 verscheen Dr. C. E. Fisciieii\'s „Bomcr-kungen über dio englische Geburtshülfequot;, een werkje, dat voor ons alleen belangrijk is. om hetgeen daarin niet wordt vermeld. Immers deze pennevrucht verscheen twee jaren na Denman\'s boek en toch bevat zij over de daar behandelde kunstbewerking geen onkel woord, wat to meer bevreemden moet, daar wel degelijk do verloskundigen van die dagen, o. a. Denman zelf, worden besproken en beoordeeld.

Het vasteland van Europa, minder vlug in het beoefenen der kunstmatige vroegtijdig opgewekte baring dan Engeland

\') c. f pag. 23.

a) Loiiflon Medioal Review, vol. 4. 1800. 3) Clinical Guide etc. of Midwifery. 1800.

-ocr page 29-

19

was, kwam eerst veel latei-, hetzij door eigen onderzoek, hetzij door navolging, in Engelands voetspoor. Vrucht van eigen overweging mag het voorzeker heeten, dat de Nederlander Cornelius Hoffmann in zijne „Dissertatie specimen cliirurgo-practienm\'1 van 1774 aanraadt, de moeder in de zevende maand der zwangerschap tot baring te brengen, waar oen voldragen kind hot vernauwde bekken niet levend zoude kunnen passeeren.

In zijne „Quaestio medico-chirurgicaquot; van 1778 beveelt Roussel de Vauzesme \') (1754—?) aan, den partus in de zevende of achtste maand te termineeren 3 indien gebleken is dat een voldragen kind niet onverminkt kan geboren worden wegens bekkenvernauwing der barende., Roussei, kent zichzelf\' echter geenszins de eer toe deze obstetrische operatic hot eerst in Frankrijk te hebben aangeraden; integendeel , hij haast zich te melden dat Le Vacher de la Feutrie (1738—?) dezen voorslag heeft gedaan; „Quae si antea praevideri queant, septimo aut octavo mense pro-moveri posse partum opinamur... his omnibus rite per-pensis, autor fuit Clar. M. Le Vacher de la Feutrie 1). M. P. ut quibusdam in casibus haecce pro caesarea admitteretur operatie, ut nenipe pro majori vel minori ossium pelvis deformitate, septimo scilicet vel octavo ges-tationis mense, per artem sollicitaretur partusquot;. Op welke wijze le Vacher handelde staat niet geschreven, alleen

\') August Rotissel de Vauzesme, de sectione Symphyseos Ossium Pubis Adraittonda. Quaestio medico-chirurgica, Parisiis discussa in Scholis Medicorum, dio .lovis septima raensis Maii 1778.

-ocr page 30-

20

konnon wij zijne mecning, dat: „praemissis venae scc-tionibus, balneisque etc. etc. neutiquam puerperis vereudum est.quot; Roussei/s mededoeling bleef niet weersproken, voornamelijk werd hem door Sue (1739—181C) betwist, dat Le Vac [ier hot eerst den part. arte praem. zoude hebben voorgeslagen. Sue ]) beweert, dat roods Petit (1074—1700) de leermeester van Le Vacher, deze kunstbewerking aangeraden en beoefend hooft, zonder daarbij te vermelden welke wijze van opereeren gevolgd werd, daar Sue eerst de theologanten over dit punt wil laten beslissen. Het valt niet moeielijk te bewijzen, dat Sue de toedracht van zaken niet juist heeft voorgesteld, daar men in Petit\'s Academische Voorlezingen, door twee zijner leerlingen verzameld, den part. arte praem mot geen enkel woord vermeld vindt.

Ofschoon Roussel een jaar vroeger dan Weidmann (1751—1819) schreef, staat de kennis van dezen bij die van eerstgenoemden vele jaren ton achter. Weidmann 1) bevoelt het volgende aan: „Gum vero synchondrotomiam poriculo et incertitudine non vacare constet anno in tali pelvis angustia consultius essot, circa septimi verbi gratia mensis graviditatis initium os uteri successive dilatare foe-tumque vi educere? Vero mild saltern simile videtur in longe minus periculum sic matrem adigi, footumque capite tum valde adhuc parvo, vivum per pelvis illas angustias educi posse et conservari.quot; In die woorden kan men met

1

) Compavatio inter sectionem caesaream et dissectionem cartilagi-nis et ligamentorum pubis etc. Wirceb. 1779.

-ocr page 31-

den besten wil tor wereld geen aanbeveling voor part. arte praem. lezen in den zin, zooals wij dat tegenwoordig verstaan; do niccning dus dat Weidm.vsn bij RoüSSEL ten achter staat, bljjkt niet geheel ongegrond.

De beroemde Baudelocque (174G—1810) is or do oorzaak en bewerker van, dat in Frankrijk de vroegtijdig verwekte baring na eene heftige bestrijding zijnerzijds in vergetelheid is geraakt. Do reden dat Baudelocque gedurende veertig jaren bijna alle voorstanders van part. arte praem. tot zwijgen bracht, is slechts voor een klein dool in de kracht van zijn betoog gelogen. Voorzeker, de argumenten zijn klemmend, maar niet verpletterend, de kritiek is wol machtig, maar biedt voldoende gelegenheid voor eene niet ongolukkicie antikritiek: en wat Baudelocque\'s

o O \' ,

modestanders en leerlingen betreft, zij wederlogdon minder dan zij veroordeelden. Men zoeke daarom Baudelocque\'s succes in zijn invloed en het gezag van zijn woord, temeer nog dewijl do voorstanders onzer kunstbewerking geen mannon waren, die tegen Baudelocque konden in het krijt treden. In zijn academisch proefschrift van 177G \') is van do ons bezighoudende operatic nog geen sprake. Hij wodorlegt daarin do symphysiotomie en beroept zich o. a. op van Deventer-) (1651 —1724) wiens woorden hier eene plaats mogen vinden: „Do grootste opening of verwijdering van

\') J. L. Baudelocque. Programma an in pavtu propter angustiam pelvis, etc. sectio symphys. oss. pub. secundaV Paris. 1776.

2) Manuale Operation zijnde een Nieuw Ligt voor Vroed-Moesters en Vroed-Vrouwen. 4e druk pag 21. Amsterd. 1765.

-ocr page 32-

22

het Bekken, tot doortogt voor hot Kindt, moet gemaakt cn verkregen werden niet door \'t vaneemvijken van de Schaambeenderen, maar door hot agteriujtwijkon van liet Os sacrum, \'t zij dat het wijkt in zijn geiiecl ofte alleen met zijn puntquot;. Eerst in zijn „Art des Acconchementsquot;, dat in 1781 te Parijs verscheen, doet Baudelocque den part. arte pracm. de noodlottige eer der bestrijding aan. Hij begint met te betwijfelen of wel zoo vele vrouwen, als gezegd wordt, spontaan te vroeg bevallen en ziet in liet somtijds voortduren der menstruatie tijdens de zwangerschap eene bron van vergissing voor de vrouw, om te zwijgen van „les vues d\'interêt que bien des personnes ont eues, de faire passer pour des enfants de sept mois ceux, qui étaient véritablement nés au terme de neuf.quot; Verdere bezwaren zijn dat do toestand der portio vaginalis gewoonlijk geen part. arte pracm. toelaat. Baudelocque zegt: „Lc col de la matrice, chez los femmes qui accouclient na-turellcment a sopt ou a huit mois, se développe do bien meillcurc heuro que chez celles, qui no doivent accoucher qu\'au termo ordinaire.quot;

Die toestand van do portio, waarbij zij week en reeds wat geopend is, komt echter slechts dan in do 7^ of 8stu maand voor, wanneer de natuur zelf den partus omstreeks dien tijd wil inleiden. Wil men evenwel tocli den uterus tot contractie dwingen, zonder dat de „dispositions favorablesquot; aanwezig zijn, dan zal men zien: que les douleurs, ou les contractions do ce viscère, ne pourront alors s\'obtenir quo par uue irritation mécaniquo assez forto et long-temps continuée; mais étant contraire au voeu do

-ocr page 33-

2S

la nature, souvent ces douleurs cesseront au niême instant qu\'on discontinuora de los exciter de eette nianière.quot; Verder zullen bij deze kunstbewerking de belangen van moeder en kind mot elkander in botsing komen; ter wille van de moeder moet men vroegtijdig opereeren en in liet belang van liet kind is het, dat de operatic zoo laat mogelijk geschiede. Alleen bij hevige metrorrhagie zou hij part. arte praem. willen aanwendon, omdat het kind hier toch verloren is. liet is niet onmogelijk dat Uaudelocque in dit laatste geval accouchement force heeft bedoeld; ten minste voor anderen b. v. Capukon geldt doze opmerking, die de kunstmatig vervroegde baring bestreden en wien daarbij het accouchement forcé voor den geest zweefde.

Lauvekjat (?—1800) is een der weinige tijdgcnooten van Baudelocque , die zijne meening op dit stuk niet doelen, zooals blijkt uit Laüveejat\'s „Nouvelle méthode de l\'opéra-lion césariennequot; Paris 1788, waar hij van part. arte praem. in de volgende bewoordingen gewag maakt: „Ce moyen dont il serait crimincl d\'abuser, no doit point être absolu-ment rejeté, paree qu\'il pourra, dans certaines circonstances, conserver la mèro et les enfants, dont la vie serait compromisequot;. Het behoeft nauwelijks gezegd, dat deze verstandige, onpartijdige beschouwing geheel overstemd wérd door het anathema, dat de groote meester als ex cathedra had uitgesproken.

William Oseorxe ]) (1732—1808) toont zich in zijn

\') Essays on the practicc of Midwifery in natural and difficult labours. Duitsclio Vert, van 1794, doorMicHAELis.

-ocr page 34-

2i

uitstekend handboek over verloskunde van 1792 oen groot voorstander der perforatie; luj perforeert dikwijls, volgens do hedendaagscho beschouwing te veel; dit behoeft ecliter geen verwondering te baren, als men bedenkt, dat liij een tegenstander van do symphysiotomie was en oen afkeer had van het aanwenden van don forceps Den part. arte praem. kende hij, ten minste wordt liet werkje van Roussel de Vaüzesme door hem vrij uitvoerig, echter zonder eigen beschouwingen, vermeld. liet porforecren verdedigt hij o. a. ook op ethisclic gronden : een vrucht in utero is nog geen kind, er kan bij de zwangere vrouw nog geen liefde voor de vrucht bestaan en bovendien kan het kind in utero van de perforatie geen pijn gevoelen. liet is niet van belang ontbloot deze gedachte van Osbokjs\'e weder te geven, omdat men mag aannemen, dat zij de meening uitdrukte van de meeste Engelsche verloskundigen van dien tijd, en ook nog van latere jaren.

Wij wenschen hier even de aandacht te vestigen op Nicolaas Coknelis de Fremery (1770—1844) \'), die in 1793 abortus of part. arte praem. bij vernauwd bekken voorstelde IIij drukt zich aldus uit: „Quod si itaque matriraonium iniverit femina, in qua, propter juniori aetate passam Kacliitidem, hoe vitium Pelvis plus minusve metuendum videtur, atque gravida evaserit, obstetricatoris erit, si in tempore satis ad talcm feminam voeetur, illam serio hortari, ut accuratum suae Pelvis examen admittat, quo scilicet pateat utrum

\') Dissertatie medica inanguralis de mutationibus figurae pelvis, praesertim iis, quae ex ossium mollitionc onuntur. LugJ. Batav 1793.

-ocr page 35-

tale sit Pelvis vitium, ut partus naturae vel artis, admini-culis, matri ct foetui haud nocivis, instructae, ope absolvi possit, vel minus. Quod ultiinum si praevideat, salva cons-eientia, potent tentare, utrum conveuieutibus remediis in tempore abortum ant partum praematurum procurare possit, cujus rei tarnen in genere magna erit diffieultas.quot;

Een en twintig jaren na Roussel\'s dissertatie verscheen de „Commentatio de liquoris amnii natura et usuquot; van den Deen Paülus Scheel. (1773—1811). Scheel prijst den abortus aan bij bekkenvernauwing, en komt eerst aan liet eind van zijn betoog tot liet voorstellen van kunstmatig vervroegde baring. Ziju gebeele gedaohtengang maakt op ons den indruk do vruclit te zijn van eigen onderzoek, dat langzaam, maar logisch voortschrijdt en geen\' sprongen neemt, die wij ons zouden moeten verklaren door van buiten aangebrachte stuwkracht, zooals dit bijv. bij Mai moet worden aangenomen. Hij redeneert ongeveer aldus: wij weten dat afloopen van vruchtwater den uterus tot samentrekking brengt, wij weten ook dat zoowel Italiaanscho als Noorsclie meretrices dit middel hebben toegepast; kunnen wij ditzelfde ook niet mot edeler bedoeling en tot heilzamer oogmerk aanwenden ? Er komt toch vooral bij rachitische vrouwen bekkenvernauwing voor, welke somtijds zoo aanzienlijk is, dat een levend kind zulk een bekken niet ongedeerd kan passeeren Men moet dan de toevlucht nemen tot perforatie of sectio caesarea al naar de vernauwing geringer of aanzienlijker is. De sectio caesarea is editor voor de moedor hoogst gevaarlijk, en ook perforatie kan lang niet altijd onschuldig heet en. Scheel ver-

-ocr page 36-

26

volgt aldus: „in tali casu unicum refugium nobis praebet abortus, qui flicto inodo, conjunctim cum apta mcdicaminum pcllcntium administrationo cxcitandus crit. Pclvi tam ampla ut foetum adhuc transiro sinat ubi iam vitalis ossc incipit, abortus ad cum usquo tcvminum deferendus est.quot; Hier zij aan toegevoegd dat Saxtokph, \') (1740—1809) dc lecr-meester van Scheel , mot geen enkel woord over part. arte praem. spreekt.

Gelijktijdig met de „Commentatioquot; van Scheel, waarin slechts in eene thesis als aanhangsel de kunstmatig vervroegde baring wordt besproken, kwam het „Programma de necessitate partus quandoque praemature vel solo manuum, vel instrumentorum adjutorio promovendiquot; van Feanz Anton I^Im (1742—1814) in het licht Mai betoogt dat men vaak vrouwen ziet met hoogen rug en scheef bekken, van welke men voorspellen kan, dat zjj een levend kind ad terminum niet kunnen baren. Om nu het gevaar, waaraan die moeders bij zoodanige verlossing zijn blootgesteld, te verminderen en tevens om de treurige noodzakelijkheid van het al te veelvuldig perforeeren te vermijden, geeft Mai den volgenden raad: „Nonne elapso probabiliter septimo graviditatis mense, relaxatis per balnea tepida partibus genitalibus externis, manu pelvi immissa. orificium uteri satis jam molle digitis dilatare, et velamentis por cultellum elasticum theca tectum, tantisper incurvatum perruptis, foetum septiraestrem vel versionc expellere, vol si caput orificio uteri jam incumbat,

\') Neiloii. Vertaling van 1783.

-ocr page 37-

partum naturae relinqucre oporteret?quot; In deze woorden liggen twee handelwijzen opgesloten: dilateeren van liet ostium met extractie, dus accouchement force, en breken der vliezen, nog wel met een instrument, en afwachten tot de partus van zelf getermineerd wordt, dus part. artepraein.

Men kan dit tweeledig advies het gemakkelijkst verklaren, door aan te nemen dat Mai het voorschrift betretfende den part. arte praem. van anderen had vernomen, maar dat hem hieromtrent de ervaring en kritische geest ontbraken, die beide even noodig zijii, om eene keuze to doen uit twee kunstbewerkingen welker waarde hemelsbreed verschilt.

De lotgevallen dezer operatie in de eerste helft van onze eeuw, welke nog ter beschouwing resten, zullen slechts zeer vluchtig hier worden aangeroerd. Vele historisch uiet onbelangrijke verbeteringen in de wijze van operceren of in liet stellen der gegevens daartoe, vinden moer eigenaardig bij de bespreking der verschillende methoden hunne plaats.

De eerste kunstmatig vervroegde baring werd in Duitsch-land door Wenzel (1770—1827) in 1804 verricht en later nog eenige malen herhaald, steeds was bekkenvernauwing de indicatie. Wenzel is niet, zooals men allicht zoude verwachten , door het lezen van Mai\'s Programma tot deze kunstbewerking gekomen, zelfs gewaagt Wenzel \') van Mai in het geheel niet. Hij bericht ons dat hij de operatie

\') All gomeino geburtshülfliche Bctrachtungen, und über die kilnst-liche Frühgcburt, Mainz, 1818.

-ocr page 38-

28

(loelt;l: „im Vertraucn auf die Worte des Lelirersquot;; zijn leer-meester echter, Weidmann, raadde, zooals vermeld is, vijf-ea-twintig jaren vroeger accouchement forcé aan, on is eerst na Mai tot het aanbevelen van part. arte pracm. ge-komen Wenzel is de eerste, die het begrip onzer operatie zuiver vasthoudt en van abortus in liet belang der moedor niets wil weten; bij eerstbarendon is volgens hem de operatie ook geoorloofd en zijn dwarsliggingen enz. geen togen-aanwijzigingen.

Tegenstanders van AYenzel en zijne kunstbewerking waren o. a. Stein Jr. \') (1773—1870), üsiander (1759—1822) en Gumprecut -) (1772 - 1838). Laatstgenoemde heeft een kunstmatig vervroegde baring bijgewoond, die voor moeder en kind beiden ongelukkig afliep. Recht duidelijk is ons deze mededceling niet, daar zij te onvolledig is; Gumprecut had hiermede zijn bepaald oogmerk, hij wil: „den Vorhang über Gemalde fallen lassen, welcho dom Bethlehemitischen Kin-dermord an die Scite gesctzt werden könntenquot;. Hierop antwoordt Wenzel ) vrij snedig: „Es gabo vielleicht nicht Vorhangc genug, wenn man joden geburtshülfliohen Frevel, wie er vorübt wird und sogar kunstmassig, statt zu erzahlen, bedeeken wolltequot;.

Na Wenzel komt Themmen (1762—1840) in de rij der-genen, die hier verdienen herdacht te worden, en voorzeker onder die allen is hij wel de boscheidenste, maar niet de

\') Stein. Annalen dor Geburtshülfe 3e deel. 5) Haiuburgisches Magazin für Geburtshülfe etc. 1808. \') 1. c

-ocr page 39-

minste. Themmen heeft den 1 T\'l^n September 1807 hot eerst in Nederland part. arte praem. verwekt en daarna nog vier andere gevallen behandeld, welke alle te zamcn in oen zeer dun boekje \') vernield worden, dat achttien jaren na zijne eerste operatie verscheen. ïhemmen achtte hot dus niet noodig door een overhaast bericht zijno gedachten wereldkundig te maken. Hij ging niet mank aan liet euvel van „voorloopigo mededeelingenquot;, dat toon even weinig zeldzaam was als thans, zooals blijkt uit eeno mededeoling der redactie van de Medical Observations and Inquiries van 1771 : „some ingenious essays are at present with-hold from the Public, to give the respective authors time to make them more

completequot;. In de voorrede deelt Themmen ons mode, hoe

...

hij, reeds na weinige jaren verlosknudige praktijk, naar een middel zocht om kunstmatig vroegtijdige baring to verwekken, overtuigd als hij was, dat het spontane vroegtijdige bevallen van vrouwen met vernauwd bekken eeno vingerwijzing der natuur bevatte. De geschriften van Denman, AVeidmann en Mai zijn hem bekend, maar wat het meest zegt, Baude-locque hoeft met hem over deze operatie gesproken. Het is dus niet onverklaarbaar, dat Themmen „huiverigquot; was in Nederland met den part. arte praem. te beginnen. Van de vijf gevallen, door Themmen beschreven, opende hij vier malen mot den vinger het ostium en maakte do vliezen, zoo hoog mogelijk rondom van de baarmoeder,

\') J. Themmen. Verloskumligc Waarnemingen. Amsterdam. 1825. Ook in Nieuwe Verhandelingen van het Genootschap ter bevordering der Heelkunde, deel 4. Amsterdam. 1825.

i

-ocr page 40-

30

met de hand los. In het vijfde geval brak hij do vliezen manueel, (laar liij don partus spoedig wilde getormineerd zien. Tweemalen liet hij zich van zijn plan afbrengen door onregelmatige ligging van hot kind en verloste de vrouwen door accouchement force. Als indicatie stelde hij o. n. metrorrhagic, niet door placenta praevia veroorzaakt, en stuiptrekkingen (eclampsie). Vooral houdt Themmen in hot oog, dat men bij het bepalen van hot tijdstip, waarop de kunstbewerking moet worden verricht, in het belang van het kind zoo laat mogelijk moet opereeron. Besluiten wij met het aanhalen van een gedeelte dor voorrode, dat den man gelioel kenschetst: „De navolgende aanteekeningen, van welke ik nimmer dacht oen dusdanig gebruik te zullen maken, gevoelende, dat dezelve do noodige nauwkeurigheid missen, om onder het oog te worden gebragt van zulke mannon, welke in kunde en ervaring rijk zijn geworden, neem ik thans do vrijheid aan het Genootschap ter bevordering der Heelkunde in to zenden, daartoe opgewekt dooide onbeantwoord geblevene prijsvraag, betrekkelijk het kunstmatig aanleiding geven tot eone vroegtijdige geboorte. Verschoon G. L. het onvolledige, als mede het geringe getal van Waarnomingen, welke meerder zouden geweest zijn, indien niet een verlangen naar rust mij allo ver-moeijonde werkzaamheden, zooveel mogelijk, had doen vaarwel zeggenquot;.

Achtereenvolgens mogen nu vermeld worden; Merriman (de neef), (1771—1852) die in 1812 eenige gevallen van partus arte praem. bekend maakte; Ritgen, (1787—18(57),

-ocr page 41-

31

die wel vreemde adviezen kon geven, doch met dat al schitterende resultaten verkreeg bij do kunstmatig verwekte baring; \') voxProriep , (1779 —1847) die in 1814 nog tegenstander was, maar door een reisje naar Londen van gevoelen veranderde en in den zesden druk van zijn werk oen gebeel hoofdstuk wijdt aan onze kunstbewerking, door hom „ein wiebtiger Gegenstandquot; genoemd. \'1) liet bevreemdt ons daarom een weinig, dat in de achtste uitgaaf (Weenon 1832) alleen gezegd wordt: „man hat die künstliche Früh-geburt in Vorschlag und Anwendung gebracht;quot; verder bewaart bij over den ,wichtigen Gegenstandquot; liet diepste stilzwijgen. Klüge heeft zich oen welverdienden naam op dit gobied verworven, hoewel luj eerst vrij laat de kunstbewerking verrichtte.

Joerg8) (1779—1856) trok ook in 1818 krachtig te velde tegen deze operatie. Zijne grieven zijn in hoofdzaak de volgende:

1quot;. Nooit kan men aan eone levende vrouw nauwkeurige bekkenmaten nemen.

2quot;. Do grootte van het kind in utero is niet juist te bepalen.

3quot;. Do sphincter van het ostium uteri biedt bij eene vroegtijdig geprovoceerde verlossing meer tegenstand dan bij eeno baring a terme.

1

) Theoretisch-praktisches Handbucb der Gebuvtshülfe, waarvan de

-ocr page 42-

82

4°. Do berekening der vrouwen van don duur harer zwangerschap faalt veelal, en uit die berekening is toch nooit een besluit te trekken nopens de vermoedelijke ontwikkeling van het kind.

5°. Het duurt soms zeer lang eer, na hot breken der vliezen, de baring intreedt en door die vertraging loopt liet kind gevaar.

Gquot;. Do kunstbewerking is ook voor do vrouw volstrekt niet onschuldig, getuigen de koortsen die dikwijls optreden.

7° Bij den vaak scheeven stand der portio vaginalis is liet inbrengen van een katheter veelal onmogelijk.

Nog een achtste bezwaar heeft Joerg togen dit „kunstje, dat don naam van operatie niet waardig is;quot; dit gravamen drukt hij aldus uit: „Endlich liabe ich noch etwas gegen diese Behandlung des Eyes im Uterus einzuwenden, was ich freylieh nicht gern ausspreche und dahor hier auch unaus-gesprochen lassen will.quot;

d1 Oütrepont \') (1775—1845) poogde in 1821 tevergeefs, door wrijvingen van den fundus uteri, baring op te wekken ; hij geeft tevens eene eigenaardige verklaring van de koorts, die zich soms bij deze kunstbewerking voordoet; waarop wij later terugkomen.

Onder de vele dissertaties, die over ons onderwerp liet licht zagen, verdient vooral die van Kelscii, „Do partu arte praematuro. Berlijn. 1824.quot; eene bijzondere vermelding; zijne volledige verhandeling doet hem kennen als een man

\') Abhandlungen und Beitrilge geburtshülfiichen Inhalts: Bamberg en Würzburg. 1822.

-ocr page 43-

van scherp oordeel; zijn onafhankelijk en eerlijk karakter blijkt uit de volgende woorden zijner voorrede: „Ne vero quis credat me in hac re unice praeeeptoris summe mihi observandi 111. de Siebold effata seqni, id monendum erit, virnm hune inventum illud inquirere quidem nondum vero amplexum esse. Tacere tarnen earn rem nou sustinui, ue ingratus in eum fuisse videar, cum ille ipse mea culpa in vitupcrium, nullo modo meritum, in-cui-rat.quot;

Salomon (1775-—18G4) en Vrolik (1775—1859) hebben ongeveer tegelijkertijd in 1825, zonder dat zij het boekje van Themmen kenden, kunstmatig baring verwekt. Vrolik \') deed dit den 14(len Februari 1S25 bij eene drie en veertig jarige eerstbarende in het gasthuis van St. Pieter te Amsterdam; hij pungeerde de vliezen met een werktuigje van den Haarlemschen vroedmeester Bugge van der Bogen, hetwelk voor dat doel reeds vroeger was gebruikt.

Salomon -), lector in de verloskunde te Leiden, was in 1817 nog geen voorstander der nieuwe kunstbewerking, hij verwierp haar als hoogst gevaarlijk. Eerst in 1826 bleek hij van meening veranderd te zijn en leverde toen in het eerste deel der Geneeskundige Bijdragen eene schoone verhandeling over dit onderwerp, waarin hij o. a. zegt: „Ik vind mij gedrongen, thans te belijden, dat ik, bjj de bestrijding dezer bewerking, steeds het accouchement force

\') Waarneming ecner dooi- kunst verwekte baring op 8 maanden drachts. Amsterdam. 18\'25.

2) Handleiding tot de Verloskunde. 2e deel. Amsterdam. 1817.

3

-ocr page 44-

34

vooi- mijnon geest had.quot; Den 12|l™ Octoljfi- 1S24 sloeg liij den part. arte praem. voor aan vrouw Turentioüt, bij wielijj dan ook den IC\'l™ Maart 1825 zijn plan uitvoerde; spoedig volgde hierop liet tweede geval, nl. hij vrouw Onflke den 31 sten Mei van hetzelfde jaar Bedenkt men dat Tiiemmen\'s publicatie eerst in 1825 uitkwam, en dat Salomon reeds een jaar vroeger tot de kunstbewerking adviseerde; rekent men voorts met het echt vaderlandsche, niet chauvinistische doel, dat do redactie der Geneeskundige Bijdragen zich voor oogen stelt, dan kan men niet wel aannemen dat T hem men\'s naam opzettelijk zoude verzwegen zijn.

A. G. SchüIjTZ geeft in het „Specimen medico-obstetricum inaugurale de partu praematuro arte provocandoquot;, Groningen Juni 1825, eenige niet onbelangrijke geschiedkundige bijzonderheden over het onderwerp dat hjj behandelt Verder beschrijft hij de toen bekende waarnemingen der Neder-laudsche verloskundigen.

Jn Duitscliland was de part. arte praem. nu vrij wel algemeen geworden, men kan dan ook geheele rjjen van mannen opnoemen, die er zich mede hebben ingelaten, zooals Mende\') (1779—1832) te Gottingen, Mrissnek quot;\') (1796—1860) te Leipzig en Scitnackenbero ) (1800—?) te Kassei. De laatste inzonderheid is niet naar verdienste beoordeeld; gewoonlijk maakt men zich vrooljjk over

\') Do pavtu arte praematuro auxilibusquo quibus perficituv. fiot-tingon. 1831.

2) Medizinische Annalen, zesde band. 4o stuk, Heidelberg. 1840. 3i De partu praematuro artiOciali 1831. Marbukg en Siebold\'s Journal für Geburtshalfe, bd 13. 1833.

-ocr page 45-

35

zijn sphenosiphon on bepaalt tot dat lachen do geheele kritiek over \'s mans arbeid. Ton onrechte! Schnackenbero is als uitvinder van doelmatige instrumenten wel niet bepaald gelukkig te noemen, doch door het verstandig aanprijzen eener nieuwe methode verdient hij meer dan geringschatting.

Niet overal was in Duitscliland het uitoefenen dezer kunstbewerking onbepaald geoorloofd. Dr. Richard \') te Osnabrück vermeldt ons ten minste, dat aan zekeren Dr. W. aldaar, op boete van twintig Reichsthaler verboden werd part arte praem. te veri-ichten bij eene vrouw, die hij nog wel reeds driemalen door kunstmatig vervroegde baring-met goed gevolg had verlost.

Toen ieder in Frankrijk zweeg, liet alleen Füdkré (1764—1835) do man, die zich op liet gebied der gerechtelijke geneeskunde oen goeden naam had verworven, zijne stem ten gunste van don part. arte praem hooren. In 1813 gaf hij zijne meoning daarover te kennen in zijn „Traite de medecine légalequot; en in 1820 wist hij zijne vrij wel alleenstaande denkbeelden over het nuttige en geoorloofde der kunstbewerking to doen plaatsen in do „Dictionnaire des Sciences Médicalesquot; ■). Eindeljjk kwam hij opnieuw op de zaak terug in een artikel in het „Journal do la Soniéte des Sciences, Arts et Agriculture du Bas-Rhinquot; van 1828. Hij wijst hier op do feiten, dio geheel te zijnen gunste pleiten en meer bewijzen dan allo bespiegelingen; zoo

\') Siebold\'s Jonvual füv Geburtshülfe, bd. 15, 1835. 2) In het ax-tikol „Police médicalequot;. 1820

-ocr page 46-

deolt liij o a. iiiodc, hoe de vrouw van een hooggeplaatst ambtenaar, bij wie drie koor geperforeerd was, den vierden keer van oen onvoldragen lovend kind beviel ton gevolge van schrik door brand, liet kind bleef in leven De vrouw werd naderhand nog vier malen verlost, telkens van doode kinderen en bezweek bij haar negende bevalling, eer het kind geboren was. Fodkek zegt, dat bij de bovenvermelde gelukkig afgoloopen verlossing een jSToderlandsch geneesheer in het stadje T5. (Bas-Rhin) haar had aangeraden bij eene nieuwe zwangerschap part. arte praem te laten opwekken Deze raad dagteekent van liet jaar 1811 en doet ons dus vermoeden, dat Themmen niet de eenige was in ons vaderland . die zich toen ter tijde met do operatie bezighield.

De twee leerlingen van Baüdelocque, Gardien (1767— JS38) en Capuron (17G7—1850) hebben het verwekken van vroegtijdige baring minder wetenschappelijk, maar heftiger bestreden dan hun meester De minst onverzoenlijke vijand is ongetwijfeld Gardien \'), hij noemde de operatie eerst wel een „crimequot;, maar verklaart later, dat zijn aanval vooral gericht is togen de wijze, waarop zij wordt uitgevoerd en dat hij, mits men slechts door warme baden part. arte praem kan opwekken, wel erkennen wil, dat er gevallen voorkomen, waarin de kunstbewerking is geïndiceerd Capuron -) is van dergelijke zwakke toegeefebjkheid niet te

\') Traité complet d\'accouchements ct dos maladies dos filles, des femmes et des enfants. Deel III, 2e edition. Paris. 1816.

\'l\' P. siliieht. Traité pratique de l\'accoucliement premature artificiel. Paris. 1855. en Cai-uron. Cours théoretique et pratique d\'accouchement Paris. 1820. 3e edition.

-ocr page 47-

37

beschuldigen, zijne eenmaal opgevatte mooning laat liij niet los, vandaar dat liij stoods spreekt van avortemont, hoewel hein gedurig weer onder het oog wordt gebracht dat van avortemont geen sprake is: „Eli quoiquot;, zegt lijj, „de ce qu\'une femme a 1c bonheur d\'accoucher a sojit ou luiit mois d\'enfants vivants par les souls efforts de la nature, on conclut quo cottc femme peut avoir le memo bonheur. si on la fait avorter a cotte epoque? Eli, oil est done ranalogie ,1a parite entre l\'accouehemcnt naturel et l\'accou-choment force ou ravortementquot;. Uit doze woorden leert men dadelijk geheel don man kennen, wiens kort begrip over onze operatie aldus luidt: „Ello est pleine do dangers, inadmissible en théorie et en pratique, enncmic de la raison et do l\'artquot;.

Hoewel do twee vroodvrouwou La Chapelle (1769—1822) cn Boivin (173B—1847) niet zoo in alles met Baudelocque , hun meester, instemden als Capurox, toch zijn zij ook met ongeveer dezelfde argumenten te velde getrokken tegon deze operatie. Hun oordeel is echter minder eenzijdig dan dat van Capurox ; zij gingen tenminste in Engeland en in Italië, waar de kunstbewerking reeds vroeg in eere was, deze bestudeeron; haasten wij ons or bij te voegen dat zij vooral de schaduwzijdo aantoonden en, werden zij genoopt ook het goede te erkennen, dit niet zonder voorbehoud deden. l)c woorden van Dugès 1) (1798—1838), een neef aan Lachapelle, bewijzen het: „L\'opération n\'a

\') A Lacouu. Ileohurehes historiques ot critiques sur la provocation de l\'accouchomeut prématuré. Paris. 1844.

-ocr page 48-

88

réussie pour la mere ct pour l\'enfant que dans les ras, oü ello était inutile.quot;

De tegenstand, die de kunstbewerking tot nog toe ondervonden had, zou eerlang oilicieel worden versterkt. Op den 27stcn Januari 1827 deelde Costa aan de Académie Royale de Médecine mede, dat liij spontane vroegtijdige baring liad waargenomen bij eene vrouw, die lijdende was aan „ancvrysme du cocur.quot; Aan dat bericht knoopte Costa de vraag vast of liet niet zoude geoorloofd zijn in dergelijke gevallen baring op te wekken, indien tenminste de vrucht levensvatbaar was. Do Commissie, die hierover den 15(len Februari rapport uitbracht, deelde mede: „qn\'elle trouvait d\'abord quelque iuconvenance a la demande de M. Costaquot; en vorder zegt zij: „que dans 1\'état actuel de la science, il n\'existait aucun cas ou il fut necessaire de provoquer chez une femme grosse, ravortement, ni le retrécissement des détj-oits du bassin ni le développement dos convulsions, ni menie rimplantation du placenta sur l\'orifice de la ma-trice; que d\'ailleurs on ne pouvait savoir quand le foetus ctait viable, et que les avortements provoqués etaient le plus souvent funestes a la mère et a l\'enfant, tandis que, au contraire, on voit souvent la nature se suffir a elle-même dans les cas en apparcncc les plus desespcres.

Do nu officieel gesteunde tegenstand togen den part. arte praem. was den langston tijd de heerschondo geweest. Stoltz, (1803—?), die tot hoogloeraar te Straatsburg-was benoemd, verklaarde geheel dezelfde meening te zijn toegedaan als zijn ambtgenoot Fodérk. Zelfs hield Stoltz in 1829 en 183Ü voorlezingen over kunstmatig vervroegde

i i

-ocr page 49-

30

baring on toonde o. a een instrumentje, rlat lijj liad uitgevonden om de vliezen te breken.

Stoltz\'s denkbeelden werden door zijn assistent Burckiiardt vercenigd in een proofsclirift „Essai sur 1\'Accouchement premature artificielquot; en door dezen laatste den 20sten Ju]} 1830 voorde faculteit te Straatsburg verdedigd. Natuurlijk werd dit proefschrift sterk aangevallen, hetwelk echter niet belette, dat Burckiiardt den doctorstitel verkreeg en wel op cenedissertatie, die in het oog van velen zeer groote ketterijen verkondigde.

Aan de verdediging dor kunstmatig vervroegde baring ontbrak in Frankrijk nog slechts eéne zaak; do ervaring moest bewijzen, wat de theorie op zoo aannemelijke gronden had voorgesteld. Hot was aan Stoltz \') gegeven de reeks van waarnemingen te openen door den part. arte praem. dien hij don 27«tt\'H September 1831 met goed gevolg voor moeder en kind bij cone Illpara met vernauwd bekken opwekte. Nu vroeg Stoltzquot;-) (1883) herroeping van de ofliciecle afkeuring in 1827 door de Académie gegeven. Wel verkreeg hij niet wat hij eischte, maar toch werd zijne positie zeer versterkt doordien de rapporteur Paul Dürois (1795—185?) geheel zijne zijde koos,

In 1835 verscheen een nieuwe uitgave van dc „Traité do Tocologiequot; van den beroemden Velpeau (1705—1867). In dit werk wordt part. arte praem. verdedigd en tevens wordt vermeld, dat ook Velpeau in het jaar 1831 bij zekere

\') Mémoirc et Observations sur la provocation do raccouchement premature in Archive meclicale de Strassbourg. 1835. en in Gazette médicale de Strassbourg. N0. 13. 1842. on N0. 1. 1843.

2 Bulletin de I\'Academie do Mcdecine. Paris. Septembre. 1833.

-ocr page 50-

40

Mad. Taklet deze operatie had verricht, en dat aan zijne waarneming boven die van Stoltz liet eerstgeboorterecht moest worden toegekend. De ware toedracht der zaak is, dat Velpeau bij cene vrouw, die reeds weeën had, door liet breken der vliezen den partus had getermineerd. Velpeau zelf beschouwde dit aanvankelijk niet als kunstmatig vervroegde baring, daar hij vroeger bij het hooren van de mededecling van Sïoi/rz geen woord van zijn eigen operatie repte en ook in de door hem later geleverde statistiek edelmocdiglijk den naam van Stoltz vermeldt en zichzelf daarbij geheel vergeet.

Na Stoltz werd de kunstbewerking verricht door Villeneüve (1781—1852) Niciiet (180:3—1847), Dubois e. a. Voor de laatste maal liet Capukon , naar aanleiding van Dubois\' mededeeling, in 1840 zijne stem tegen den part. arte praem. hooren. Tevergeefs. De Académie lette niet als voorheen op zijne woorden en de man moest voorzeker tot zijn leedwezen ervaren, dat in weerwil van alle hartstochtelijke bestrijding, de kunstmatig vervroegde baring voorgoed in Frankrijk was gevestigd.

In ons vaderland heeft de part. arte praem. slechts geringen tegenstand ondervonden ; vandaar dat er weinig van gesproken wordt. Mededeelingen daarover vindt men hier en daar vermeld , grondige beschouwingen moet men niet verwachten. Er zijn waarnemingen opgeteekend van Ludekixg \') (1805— 1882), Voxk , van den Kieboom, Blijenburg, van Wage-

\') Albert Kkause. Die künstliche Frühgebui-t. Breslau, 1855

-ocr page 51-

41

MXGEX, quot;VVellenberg en zoo velen meer. Eene bespreking van onze stof vindt ineu bij Lehmann (1817—1880). „Beschouwingen over de door kunst bewerkte baringquot;, Amsterdam. 1848. Lehmann beeft in 1845 do kunstbewerking voor liet eerst verricht en later nog zeventien keeren herhaald o. a. zeven malen bij eenzelfde vrouw; zelfs liecft men aan Lehmann blijvende liulde gebracht door aan zijnen naam eene operatie-methode te verbinden. Zijne kritiek van de verschillende wijzen van handelen bij deze kunstbewerking is voor een deel niet nieuw, maar voor een ander deel belangrijk genoeg om er later op terug te komen. In 1851 leverde bij eene krachtige bestrijding van do uterusdouche naar Kiwisch en temperde daardoor een weinig-het al te veelvuldig gebruik dezer pas ingevoerde methode.

Wij mogen ten slotte niet onvermeld laten dat A. E. Simon Thomas (1820—188G), hooglecraar aan onze Iloogeschool, in 1850 \') den part. arte praem. uitvoerde, in 1865 reeds veertig gevallen ervan bekend kon maken en naderhand nog tal van malen de kunstbewerking heeft verricht. Wellicht zijn er onder de lezers dezer proeve, die zich dankbaar liet bezielend woord en de tot navolging opwekkende, vaste hand van den geliefden Leermeester herinneren.

7 o

Tut recht verstand van het voorafgaande mogen de volgende opmerkingen hier eene plaats vinden.

De sectio caesarea had in Engeland in de vorige en nog

\') Nederlandsch Tijdschrift voor Geneeskunde, \'2ü Reeks. Eerste jaargang. Tweede afdceling.

-ocr page 52-

42

in liet begin van rlcze eeuw bijna altijfl een voor de moeder noodlottigcn uitslag; vandaar dat zij schrooinvallig werd voorgesteld en met vreezen en beven uitgevoerd. Het „sauvez la nièrequot; door Napoleon den accouclieur Duüois toegeroejien bjj de geboorte van den koning van Rome, was de eenige leidende gedachte bij alle verloskundige operaties, liet kan dus geen verwondering baren dat in Engeland naar onze moening te veel werd geperforeerd; lioe men zelfs naar liet oordeel van tijdgenooten te vaak naar het perforatorium greep, blijkt uit het verschijnen van de „Petition of the unborn Babes,quot; Londen. 1751, in welk smeekschrift Nicols de vruchten in utero om eene zachtere behandeling van de zijde der accoucheurs laat verzoeken. Ongepast was die satyre blijkbaar niet \'), immers Collins deed één perforatie op 141 verlossingen, terwijl voor Baudelocque en von Siebold( 1775— 1825 dit getal respective één op 2898 en één op 209J5 was. Zoo begrijpen wij eerst recht, dat juist in Engeland de voorslag-tot deze conservatieve kunstbewerking werd gedaan en dat zij juist daar het best wortel schoot, vooral wijl Engeland reeds vroeg vele goede gestichten voor kraamvrouwen bezat, toen Parijs en Straatsburg de eenige steden waren van het vasteland, die op soortgelijke inrichting konden bogen.

Ten slotte wijzen wij er nog op, -dat Engeland sedert het begin der achttiende eeuw door Keurvorsten van Hannover werd geregeerd; daardoor moest natuurlijk een levendig verkeer tusschen Engeland en dezen Duitschen staat geboren

\') AV. Tyler Smith. Transactions ol\' the Obstetrical Society cl\' London. Vol. 1. Jaargang 1859.

-ocr page 53-

43

worden. Het ligt voor de hand, dat ook niet weinige Duitsche genecsheeren aan gene zijde van liet Kanaal hunne kennis gingen vermeerderen, zooals Fischer, Reisinger (17S5— 1855), Fkoriep e. a. Des te meer valt liet in liet oog en wordt liet voor ons onbegrijpelijk dat de Duitsche verloskundigen eerst eene halve eeuw na de Engelschen, zicli met de hier in hare wording geschetste kunstbewerking gingen bezig houden.

-ocr page 54-

HOOFDSTUK II.

De Kunslbewerkimj.

Bij tic bespreking der verschillende wijzen van opereeren zal een andere weg worden ingeslagen dan gewoonlijk hierbij gevolgd wordt. Meestal toch verdeelt men de methoden in verschillende klassen; al naar gelang men een beginsel van onderscheiding heeft aangenomen. Zoo zou men kunnen spreken van:

algemeen cn plaatselijk werkende,

uitwendig en inwendig aanwendbare,

liet ei al dan niet in zijn geheel latende, gevaarlijke en onschuldige,

doeltreffende en ondoelmatige,

bruikbare cn onuitvoerbare methoden Wij zullen echter bij de volgorde, waarin de kunstbewerkingen worden beschouwd . ons laten leiden door den ouderdom van elke afzonderlijk. Hierdoor worden alle zonder onderscheid achtereenvolgens behandeld cn de beoordeeling, die soms in de verdeeling zelf gelegen is, blijft achterwege-

-ocr page 55-

Vliessleel:.

Do vliessteek, ook wel naar Thompson (1705—1840) en Conquest (1789—1816) genoemd, heet meestal, lioewel ten onrechte, de methode van Scheel. Uit het geschiedkundig overzicht zal men zich lierinneren dat Scheel eigenlijk alleen het doen afloopen van vruchtwater more meretricum aanprijst, dus hij Item van het aangeven eener methode geen sprake is. \') Noch onverklaarbaarder wordt dit peetschap, als men bedenkt dat Rbisinger noch Krause, de twee Duitschers, die eene monographic over part. arte praem. schreven, van Scheel\'s werkje gewag maken en niettemin de punctie dor vliezen met den naam van de methode van Scheel betitelen.

Wil men do operatie naar een persoon noemen, dnn kan men passender den naam van Macaüly daaraan verbinden, daar liij het eerst de baring door vliessteek kunstmatig vervroegde. Aanvankelijk gebruikte men eene uterussonde of een katheter, later werden bijzondere voor dit doel vervaardigde werktuigen aangewend. Zoo gebruikten Headley en Clarke (1758—1843) katheters; Ley (1790—1837) wien do punctie biermede niet gelukte, sneed de punt van een elastieken katheter af en maakte hierdoor een primitieven troiscart-); Haighton nam den mandrjjn uit een katheter en doorboorde daarmede de vliezen. Mai prees een „cnltellum elasticumquot; ann:l); Barlow 4) wendde reeds vóór 1800 een

\') Cf. pa,ff. 25.

2) The London Medical Review and Magazine Vol. Ill, 1800,

3) Of. pag. 26. 4) Of. pag. 17.

-ocr page 56-

46

katheter aan, mot con stilet er in zoo noodig en Wenzel gaf een troiscart aan voor vliossteek. Na Wenzel hebben von Siebold, d\'Outrepont, ViiOUK, Salomon o. a. dergelijke instrumenten met allerlei wijzigingen ingevoerd.

Do aanwending van een vliesbreker is hoogst eenvoudig. Men brengt op geleide van twee vingers der linkerhand liet voorwerp door den canalis cervicis hoon en voelt nauwkeurig of men ook op harden weerstand stoot. Daarna wordt hot eigonlijke stilet een weinig voornitgeschoven en onmiddellijk weder teruggetrokken. Do buis van den troiscart laat men zitten om zooveel vruchtwater te laten afloopen als noodig wordt geoordeeld; daarop wordt ook dc canule verwijderd. De operatie veroorzaakt geen pijn en levert weinig gevaar op voor de moeder, indien men slechts goed toeziet, dat zij niet niet liet stilet verwond wordt. Gelukkig zijn de gevallen van kwetsing der vrouwelijke genitalia interna zeer zeldzaam, ofschoon wij toch voorbeelden kennen van perforatie der baarmoeder tot in de arteria iliaca interna en van andere perforatiën van den uterus.\')

Ook do koorts, die zich bij de vrouwen na de punctie veelal vertoonde, is als een bijzonder nadeel van deze kunstbewerking door d\'Odtrepont, Ritgen, Vrolik, Salomon e. a. beschreven. JTet is niet noodig liier bijzonder bij stil te staan, daar ons bekend is, dat do koorts niet alleen na vliossteek, maar ook na de meeste andere methoden volgde in den tijd, toon nog geen antiseptische maatregelen werden genomen Gevaren voor het kind heeft de vliessteek vele; de in niet weinige gevallen groote nadoelen, aan een partus

\') A. Krause. Die künstliche Frühgeburt Breslau. 1855.

-ocr page 57-

47

siccus vorbondon, zijn ook bier te wachten. Verder levert liet niet onbelangrijke bezwaren op, lang na liet afloopen van het vrucbtwater keering van bet kind te doen, en juist deze kunstbewerking zal bjj kunstmatig vervroegde baring vrij veelvuldig voorkomen, daar tocb hekkenvernauwing in de meeste gevallen de aanwijzing tot part. arte praem. is. De gevaren dezer motbode mogen editor niet al te boog worden aangeslagen, vaak bescbaamt de uitkomst onze ongunstige voorspellingen. Zoo is onder eene reeks van twintig gevallen, door Ritgex vóór 1827 geopereerd, geen enkel sterfgeval der moeder voorgekomen en werd zeventien malen een lovend kind geboren, ükacx beveel t sedert 1880 don vliessteek weder aan en verkrijgt door de punctie mot eene ganzepen 85% levende kinderen, hetgeen een uitstekénd resultaat mag lieeten ») Breisky-), (1832—) Korn :\') eu Fehling *) prijzen den vliessteek nan, omdat daarbij bet minste gevaar voor infectie bestaat. De vrees voor het loven van het kind blijkt door do praktijk niet gerechtvaardigd te zijn, en dus zal zich de algemeene opinie op dit punt wel oenio-er-mate wijzigen. Scanzoxi verhaalt hoe in 1855 een pationte wegliep, toen hij, als lantsto toevlucbt om baring bij deze dame op te wekken, den vliessteek voorsloeg. De vrouw, die geduldig letterlijk alle methoden op zich bad laten toepassen, weigerde de operatie, omdat deze voor hot leven

\') Braun, Lfihrbuch dor Gynacologic. 1880.

z) Zoitschi-ift fiir Heilkunde, Bd. III. 1882.

3) Leopolu. Dei- Kaisersehnitt unci seine Stellung zur künstlichen Fi\'übgebui\'t, Wendung und Perforation beim engen Boeken. 1888.

4) Müli.ek. Handbuch der Geburtshülfe. Band III.

-ocr page 58-

48

van haar kind nadeelig zoude zijn, golijk algemeen onder de vrouwen werd verteld. \')

Tegenwoordig wordt de vliessteek en dikwijls met uitstekend gevolg toegepast, zonder tegenwerping van de zijde der patienten, in gevallen, waarin naar onze meening minstens even goed andere methoden konden worden gevolgd 2). Een ander bezwaar tegen de vliessteek, dat ook door ons wordt gedeeld, ligt in hot ongewone, niet natuurlijke verloop, hetwelk aan cone, door punctie der vliezen opgewekte baring wordt gegeven. Bij normale, spontaan optredende baringen toch breken do vliezen eerst wanneer de uterus

o

het grootste gedeelte van den arbeid reeds heeft verricht. Bij deze operatie daarentegen begint men mot de vliezen te breken in de hoop hierdoor weeën op te wekken.

Hoezeer wij weten, dat niet zeldzaam de vliezen van zelf te vroeg breken, zonder dat het leven van het kind gevaar loopt, toch komt hot ons voor dat de gunstige statistiek van Braum en de meening van Korjs over het niet gevaarlijke van den partus na breken der vliezen nadere bevestiging zeer behoeven. Tot zoolang zouden wij vliessteek beperkt willen zien tot de gevallen van hydramnios en van ziekte der moeder, waarin haar behoud meer dan de redding-van het kind ons doel is.

De Jioorje VUesdeek naar Hopkins.

Van ouds zijn de meeningen verdeeld geweest over de hoeveelheid vruchtwater, die ontlast moet worden om partus

\') Beitrilge zur Gebuvtskunde und Gynücologio. Bd. II. 1855.

\'■O Zie o. a. Fisciiel. Centralblatt für Gynücologie, 1885.

-ocr page 59-

49

op to wekken. Clarke on ook veiipeaü wilden cene groote opening maken on aldus groote hoeveelheden liquor mnnii ontlasten. De meeste andere verloskundigen maakten eenc kleine opening, wijl zij liet gevaarlijk achtten dat veel vruchtwater afliep. Deze meening straalt ook door in den voorslag, dien Hopkins in 1S14 deed. Hij wenscht n.1. de vliezen niet in het ostium, maar hooger op in den uterus te breken \'). In Duitsehland werd deze raad liet meest opgevolgd, voornamelijk Meissner voerde dozo kunstbewerking herhaaldelijk uit. In do Medizinische Annalen Band, 4c|e Stuk, Heidelberg, 1840, gaf hij een instrument aan voor do booge vliosstook. Een klein gedeelte van de voorrede moge hier een plaats vinden, omdat zij zoozeer afwijkt van de traditioneele nederigheid der meeste voorberichten. Meissner vreest dat menigeen mot den uitroep: al weer eene verhandeling over partus arte praematurus! zijn werk zal ter zijde leggen. Hij drukt echter de hoop uit; „dass man nach so vielen oberflachlichen, compilatorischen oder nur theoretischen Arbeiten über denselben auch einen praktischen Goburtshelfer hören wird, der wahrend seiner 21-jilhrigen Praxis über dritthalb Tausend künstliche Entbindungen gemacht hat, dor BoËR\'schen Grundsatzen Imldiget, also nie ohne dringende Ursache eingreift und dem zu Polge seino Erfabrungen nur einem groszen und umfassenden Wirkungskreise verdankt.quot; In 1852 meldde Meissner uit-drukkoljjk dat de eer der uitvinding aan Hopkins toekwam 1), toch wordt deze methode nog veelal naar Meissner genoemd.

1

) Monatschrift i\'ür Geburts- und frauenkrankh. Bd. II, Dresden 1858.

4

-ocr page 60-

Hermann heeft eens met dat werktuigje liet hoofd van het kind gewond en daarom stelt Vii.leneüve (1781—1852) een zeer vernuftig instrument voor, waarbij de punt, die de vliezen doorboort, niet loodrecht daarop, maar bijna evenwijdig daarmede werkt, zoodat niet gemakkelijk een diepliggend deel kan worden gekwetst 1). Leiimaxx (1817— 1880) veroordeelde do methode Hopkins omdat zij evenals eon bougie tusschen de vliezen werkt en lang niet zoo onschuldig is2). Me issn er zelf schrijft aan den prikkel der canule op den uteruswand oen groot gedeelte van de werking toe. Wij sluiten ons geheel aan bij het kernachtig oordeel van Kelscii „Memoratu non imitatu dignumquot; \').

Methode van Hamilton.

Men handelt bij deze methode aldus: met den wijsvinger der rechterhand gaat men door den canalis cervieis uteri en maakt vervolgens de vliezen zoo hoog mogelijk van het onderste gedeelte der baarmoeder los. Deze door James Hamilton voor het eerst aanbevolen handelwijze is door slechts weinigen gevolgd j). Davies ontzegt Hamilton den voorrang in dit opzicht, daar volgens hem niet deze, maar

\') Sii.bert, „Traité pratique ile raccouchement premature artificiel. Paris. 1855.

2) L Lehmann, BesobouwiiiCT over ile door kunst verwekte baring. Amst. 1848.

3) 1. c.

4) Practical Observations on various subjects relating Midwifery. Edinburg 1836.

-ocr page 61-

51

Jacob Jones reeds in 1804 do kunstbewerking op boven vermeide wijs zou hebben verricht \'). De methodus operandi van Jones is niet gelijk aan die van Hamilton, de eerste stolt zich tevreden mot hot openen van liet ostium uteri on hot verwijderen van de slijmprop, waarmee de natuur den uterus lieeft gesloten. Bovendien bericht ons von IIaartman (1 792— 1877) in zijne dissertatie dat Hamilton hem mondeling had medegedeeld, hoe liij „quatuordecim retro (1817) annisquot; zijne methode reeds liad toegepast 1). Door deze dissertatie vervalt voor ons de waarde der mededeolingen van Thompson2) en Wagner, die beiden in 1820 hunne bekendheid met Hamilton\'s methode openbaarden. Een der eersten voorzeker, die don Engelschen verloskundige na-, volgden, was de Nederlander Tiiemmen, die reeds in 1807 op deze wijze de kunstbewerking verrichtte\'\'). Zelfs zouden wij in verband met het boven medegedeelde mogen staande houden, dat Tiiemmen niet Hamilton navolgde, maar bijna gelijktijdig met hem, denzelfden weg insloeg, zonder zijn voorganger te kennen. Do grondgedachte dezer kunstbewerking lag reeds geheel vervat in do woorden van den Nederlander Cornelis Plevier „edoch zoo de vingers niet in staat waaren, om eenige genoegzanme verwijdering te maaken, of de mond der baarmoeder op \'t midden van \'t bekken te brengen; dan brengt men de vlakke hand,

1

) übservat. circa part. praemat. obstetricia manu parandum, Aboe 1817.

2

j London Medical Repository. London Vol. XIV, 1820.

-ocr page 62-

52

door do moedormond en tussolien de Lijfmoeder, cu de vliezen van \'t Kind, terwijl den buik geschort werd, cn drukt, de mond der Lijfmoeder zagtelijk van agteren na voeren, wel agt gevende, dat men binnen do mond der Lijfmoeder cn niet in do sclieode deze bewerking doet; door deze bewerking krijgd de Vrouw gemeenlijk nieuwe Weeën, en, zooals van Deventer zegd, do kragt der natuur word daardoor als verblijd en verheugdquot; 1). Wel is ons bekend dat het geciteerde in verband staat met do TTandgreepquot;\') van van Deventer on dus met part. arte praem. weinig-punten van aanraking heeft, tocli mecnen wij dat door deze woorden het nog waarscliijnlijkor wordt, dat Titemmen geen buitcnlandsdie voorlichting lioeft gehad, toon liij op zijne wijze opereerde. Met eenig reclit zouden wij daarom onzen landgenoot kunnen eeren door aan zijn naam de besproken methode te verbinden; het komt ons echter onnoodig voor, •daar ITamilton do oudste rechten lieeft en bovenal ieder, die do geschiedenis dezer kunstbewerking kent, ook achter den Engelschen naam aan liet vindingrijk talent van den Nederlander Themmhn hulde zal brengen. De bezwaren tegen do kunstbewerking bestaan minder in het gevaar, waarmee zij moeder of kind bedreigt, ofschoon nu en dan de vliezen gebroken werden, dan in haar geringe betrouwbaarheid en vaak gebleken onuitvoerbaarheid.

Hot valt immers dadelijk in het oog, dat eene hooge plaatsing der portie vaginalis de operatie onmogelijk kan

\') Gezuiverde Woedkonst. Amst. 1751. \'\') Nieuw ligt. Hf\'dstk 27.

-ocr page 63-

maken, om tc zwijgen nog van den tegenstand, dien een nauwe canalis eervicis biedt. Kluge en Rieke gebruikten in plaats van don vinger oen hoornen katheter; met zeer weinig succes evenwel. Deze zoogenaamde methode van Rieke (1790 — 1876) werd door zijn zoon in 1827 beschreven1), terwijl Beïschler, assistent van Kluge, bericht: „Aucli die Versucho einen Catheter als Substitut des Fingers zu diesem Zwecke zu benutzen, missglückten.\'\' -) Kluge kan vóór 1820 deze verandering reeds beproefd hebben, terwijl ous van Rieke aangaande den tijd niets bekend is.

In den laatsten tyd is door Dr. Ruuert Koppe te Peters-burg Hamilton\'s methode als iets nieuws aangeprezen.\'\') Hij Iieel\'t n.1. bij eene priinipara, die aan phthisis laryngis leed, part. arte praeni. opgewekt door liet hoofd in heb bekken te duwen op de wijze die Müller had aangewezen en de vliezen rondom het ostium internum los te maken; liet behoeft nauwelijks gezegd, dat hier geen nieuwe zaak wordt beschreven.

Dilalalie van den Cervix door Sponcjia.

Gelijk reeds in het historisch overzicht is vermeld kan men de aanwending van voorwerpen, die den cervix prikke-

1

\') Beit rag znr Geburtshilflichen Topographic Wurtembergs. 1827.

-ocr page 64-

54

lcn en dilateeren, reeds in lang vervlogen tijden terugvinden.\') In liet begin onzer eeuw word deze vergeten methode door Brünninghausen aanbevolen. Don Haart 1820 schreef

hij in een brief aan d\'Ouïkepont hot volgende: „Wiire es nun nicht erwiinscht wenn man die Frühgeburt erresren

o o

könnte, olino die Eiliiiuto zu öffnen und wenn mau folglich so wolil dom Kindo als der Mutter das wohltliiltige Wasser bis zur wirklich cintretenden Goburt lassen könnte; iots verder zegt hij: „icli würde von dom gepressten quot;VVachs-schwamm (spongia cerata pressa), den man in dor Chirurgie zur Erweiterung dor Fisteln u s. w. braucht ein odor mohrero Stückchen durch den ausseren Mutterrnund bis an die Eihiiute bringen, und sic allda einige Minuten festhalten. Durch die Feuchtigkeit und durcli die Wanne des Orts würde der Schwamm aufschwellen, den Muttermund reizen und or-weitoren, und die Eihiiute eino kleine Strocke von ihm ab-losen, oline sie zu zerreissen.\'quot; -)

Von Siebold bracht het eerst dozen raad in praktijk op den IS*!™ December 1822, tevens vermeldt hij er uitdrukkelijk bij van wien liet advies is uitgegaan.1) Na hom nam Klüge de kunstbewerking tor hand, on dat met zulk een ijver en zoo goeden uitslag, dat deze methode algemeen naar hom is genoemd. Kluge ging in hoofdzaak aldus te werk: Na blaas en rectum der patient to hebben geledigd wordt in rugligging der vrouw op geleide der voorste vingers van de linkerhand een kegelvormig stuk spongia cerata ter grootte

1

) Von Sikbold\'s Journal für Gcburtshulfe etc. L!d. IV. 1823.

-ocr page 65-

van een wijsvinger ingebracht, lie spons wordt zoo diep ingevoerd , dat liet ondereinde geheel in den cervix ligt, het bovenste gedeelte vindt dus tussehen vliezen en uteruswand oene plaats. Vervolgens brengt men oen grootere spons, van een bandje voorzien, in de vagina en schuift die hoog tegen de portio vaginalis. Do spongia cerata wordt met eene daarvoor bestemde tang in den canalis cervicis gebracht; is dit moeilijk door ongunstigen stand der portio vaginalis uteri, dan wordt de vrouw in knie-elleboogligging geplaatst, waardoor de portio boter in het midden van bet bekken komt. Zijn er na vierentwintig uur geen voldoend krachtige weeën ontstaan, dan wordt er een grootere spons in liet lialskanaal gebracht. Mende te Göttingen\') heeft de methode van Kluge eenigszins gewijzigd. Vooreerst dilateert liij liet cervicaal-kanaal, indien dit soms te nauw is om do spongia te bevatten, met een instrument daartoe door hem uitgedacht. Soortgelijke dilatatoria zijn voor en na hem door Büsch quot;-) (1788—1858) en Kraüsb1) aangegeven. Verder prepareert Mende zijne spons op eenigszins andere wijze, hij dompelt dio in eene oplossing van Arabische gom en omwikkelt haar met een smal bandje. Hierop wordt de spons gedroogd en het bandje verwijderd. De aldus toebereide spons (éponge ficclée) wordt nu bij dwarsligging der vrouw in den cervix gebracht. Mende gebruikt tevens eene spons van ietwat grooter afmeting dan Kluge bezigde.

Kil ian (1800—1863) dompelde dc sponzen in een mengsel

1

) 1. c.

-ocr page 66-

Öf)

van spcrmaceti, cera, butyrum cacao on ol. amygd. dulc., welk mengsel door de warmte in do vagina weer gaat smelten. Kilian lioudt liet voorbereidend dilateeren van den cervix mot instrumenten voor onnoodig; al is liet cervicaal-kanaal ook wat nauw, steeds kan lijj door oen tampon vierentwintig uren in de vagina te leggen liot kanaal voldoende verwijden. Behalve do spongia in don cervix gebruikt Kilian nog plukselwieken, waarmede luj de vagina geheel opvult. \') De bezwaren die men tegen de methode kan aanvoeren, zijn gelogen in hot gevaar en don hinder, die do moeder van do aldus uitgevoerde kunstbewerking ondervindt, daar v in geen nadoeligo gevolgen voor do kinderen is gebleken. Do methode is niet onpijnlijk en verwekt vaak koortsen, bovendien moot de vrouw zich te bed begeven; hot is daarbij lang niet altijd mogelijk eene spons in te brengen en in situ te houden en, wat hot moest zegt, do werking is verre van zeker en snel. Niet zelden houden do weeën geheel op als do spons verwijderd is, en al blijven zij voortduren, tolt;;Ii verloopon soms dagen eer do baring geëindigd is. Breisky is tegen liet aanwendon van spongia of andore dilateerende middelen, omdat zij krampwoeën veroorzaken; liij maakt daarom gebruik van den vliosstook of de intrauterine injectie, wijl aldus slechts eenmaal behoeft te worden geopereerd en bovendien do cervix hierbij niet wordt overprikkeld. -) Do hoofdgrief togen liet gebruik der spongia eompressa, zooals zij hier is beschreven, ligt in hot gebrek aan voldoende

\') Die operative Goburtshülfe Bd. I, Bonn 1849. 2) Zeitschrift für Heilkunde. BJ. Ill, 1882.

-ocr page 67-

(cliirurgische) reinheid der sponzen. Gelukkig is dit groote bezwaar geheel uit den weg geruimd, daar men er iu geslaagd is ook de spongia compressa voldoende te desinfecteercn. Do eerste stiip in deze richting werd gedaan in 1lt;S(J7 door Robert Ellis „obstetric surgeon.\'\' Ilij is met het gebruik der spongia weinig ingenomen, omdat zij aanleiding geeft tot „putrefactionquot;, die door do lucht ontstaat \') Reeds Marion Sims (1813—1883) had in wanhoop uitgeroepen; „11e who gives us an efficient, pleasant, and cheap substitute for sponge tents wil confer a great boon on surgery. I know of no competent substitute, or I would be too willing to adopt it.quot; Ellis dompelt de sponzen in eene oplossing van carbolzuur in cacaoboter in de verhouding van 1 ^ drachme acid. carbol, pur. op 1 ons butyr. cacao; dat geeft dus ongeveer 20% carbolzuur.

Wij stemmen volkomen in met Ellis als hij zegt; „these proportions are sufficient;quot; dat de carbol echter geen irritatie veroorzaakt komt ons minder verklaarbaar voor. In allen gevalle bereikte Ellis met de „carbolised sponge Tentsquot; geheel zijn doel, daar zij: „remain perfectly inodorous and exhibit no sign of putrefaction during their retention in the uterine canal.quot; Avelixg to Sheffield deelt in datzelfde deel der „Transactionsquot; mede, dat hij in de spongia eene kleine holte boort en die vult met hypermang. kalic. pulv., waardoor hij een gelijk effect verkrijgt als Ellis. Vijftien jaren later maakte Matthkws Ddxcax op raad van Alex. Ogstox te Aberdeen de spons aseptisch (?) door deze te besmeren met vaseline of glycerine, waarin 20% salicylzuur opgelost

Transactions of\' the Obstetrical Society of London, Uil IX.

-ocr page 68-

58

was. \') Voorwaar eeno twijfelaclitigo vooruitgang sedert Ellis in den voor-antiscptischcn tijd zijne sponzen tegen „pntrefaetionquot; praepareerde. Evenzeer getuigt de liandel-wijze van FiiilXKEL die de sponzen met vaseline besmeert en in jodoform rolt, van niet zeer helder inzicht in de moeiljjkheden, die aan het desinfecteeren van dergelijke poreuze voorwerpen zijn verbonden. -) Men kan naar Pritsch de spons volkomen aseptisch maken door haar te behandelen volgens de wijziging, die hij van de methode van Jüngblüth heeft gegeven.:\') Deze handelwijze bestaat hoofdzakelijk in de mechanische reiniging der sponzen door groote hoeveelheden water; vervolgens worden zij gekookt en bewaard in carbolzuur-oplossing Do aldus toebereide sponzen kan men vóór liet gebruik nog met jodoform bestrooien. In het Weener ziekenhuis gebruikt men in de laatste jaren spongia, die uit volkomen gedesinfecteerd materiaal is samengesteld en door indompeling in jodoformaether geheel van jodoform is doortrokken. Het is nauwelijks noodig hier te wijzen op het groote voordeel, dat de antiseptische sponzen aanbieden; ieder immers, die zich voorstelt, hoe de spongia turgor in den cervix verwekt en bovendien allicht tot kleine kwetsuren aanleidina\' geeft, zal dadelijk inzien, dat de dilatatie niet antiseptisch toebereid materiaal de eenige geoorloofde is.

Tevens moge hier echter opgemerkt worden dat de altijd omslachtige wijze van bewerking voor algemeene toepassing een onoverkomelijken hinderpaal zal opleveren.

\') Obstetrical Transactions Bil. XXIV.

-) Archiv für Gyniicologio Bd. XXI [, 1883.

3) Cukoback. Untersuchung dur weiblichon Genitaliën etc Stuttgartl885.

-ocr page 69-

59

Sommigen, o a. Ward on Massari hebben gepoogd de prikkelende en vaak verwondende working van het ruwe oppervlak der uitgezette spons te voorkomen, door die met caoutchouc of goudvlies te bedekken. Dit vernuftig uitgedacht middel maakt het gebruik der sponzen omslachtiger, daar nu vaginale irrigaties noodig zijn om de uitzetting dei-spons te verkrijgen. Langer dan twaalf uur moet men in geen geval de ingebrachte spongia laten liggen, daar zij dan reeds lang haar grootsten omvang beeft verkregen en bovendien het verblijf in den cervix spoedig gevaar voor infectie zou doen ontstaan. Natuurlijk wordt bij verwisseling der spons de vagina met antiseptische vloeistof uitgespoeld. Nog kort vermelden wij dat het gebruik der metalen dila-tatoria van Biiscu, Krause, zoomin als van liet pas uitgevonden dilatatorium van Tarnier is aan te raden, wijl deze instrumenten den baarmoederhals kneuzen en daardoor groot gevaar voor latere infectie opleveren.

Masscuje van den fundus ulcri.

Bovenstaande handelwijze door Joseph d\'Outrepont 1) den 3den Maart 1821 beproefd om part. arte praem. op te wekken verdient eigenlijk den naam van methode niet, daar alleen de uitvinder zijne „Reibungen des Muttergrundesquot; toepaste, en dat wel geheel zonder succes. Zeer begrijpelijk zegt Inj dan ook: „der Ausgang dieser Geburt ist niclit geeignet der neueren Methode bei Verengerung des Beckens

\') Abhancllungcn uml Beitrage gebui\'tshülflichcn Inhalts. Bambkhg «nel Würzburg 1822.

-ocr page 70-

60

Eingang zu verschaffon.quot; Toch waren do denkbeelden. waarvan d\'Oütrepont uitging, alleszins juist en waar. Hij betoogt dat liet boter is voor liet kind liet ei in zijn geheel te laten, liij herinnert dat wrijven van den fundus met goed gevolg wordt aangewend bij liaeinorrhagio post partuin en bij versterking van te trage weeën. Bovendien vermeldt hij een geval, waarbij eene vrouw „auf eine frevelhafto Weisequot; bij zichzelf vroegtijdige baring had veroorzaakt met dit middel. Het was dan ook voorzeker eeuo teleurstelling voor d\'Oüteepont dat zijne op dergelijke overwegingen gegronde operatie na een tijdsverloop van zeventien uren, waarbij eerst om het uur, later om het half uur, daarna iedere tien minuten en ten slotte alle vijf minuten, zes tot acht cirkelvormige wrijvingen van den fundus uteri werden aangewend, niet met beteren uitslag werd bekroond. Bovendien kunnen wij ons zeer goed verklaren, dat d\'OüTKBPONT\'s voorbeeld geen navolging vond, daar ieder practicus weet, dat de „Kreisformige lleibungen des Muttergrnndesquot; bijv. wegens atonia uteri post partum, voor de patient zeer onaangenaam, zelfs bij langdurige voortzetting ondragelijk kunnen worden en voor den obstetricator niet weinig vermoeiend zijn.

/nHpuiliiifjcu in de Baarmoeder.

In het geschiedkundig overzicht is gewezen op Avicunxa die intrauterine injecties maakte om baarmoeder-contracties

\') Cf. pag. 6.

-ocr page 71-

61

op te wekken; wij kunnen er liier bijvoegen dat eerst in deze eeuw die oude raadgeving is lierhaald en opgevolgd. De nieuwe geschiedenis begint echter niet bij Coiien, aan wien de methode zeer ten onrechte den naam ontleent, maar reeds bij ScirwEiGiiacSEli (176(5—1842) en Schnacken-uerg, die onderscheidenlijk een eu twintig on dertien jaren vóór Cotikn deze metliodus operandi niet alleen aanraadden , maar bovenal oordeelkundig beschouwden. Scicweig-HauSER betoogt het volgende: „Uie Englischen Gcburtshelfer Davies und IIamilton sagen, man solle durcli die Finger die Decidua vom Mutterhalse und Muttermunde trennen, und den Foetus mit den ITauten kommen lassen; wenn man aber nach dieser Ansicht arbeiten wil und, wie ich meino, audi soli, so macho man lauwarme Einspritzungen, die man nach Gutbefinden nach und nach reizender machen kann. Man wird hierdurch die Eihaute von der Gebarmutter ablosen, olme Rücksicht auf die Decidua. Nur möchte ich nicht dasz solche Einspritzungen bis au den Mutterkuchen kamen und dessen zu frühes abtrennen veranlassten.quot; \')

Tevergeefs trachtte Cohen het te doen voorkomen, alsof SciiWBiGiiauSER alleen vaginale inspuitingen zou hebben aangeraden ^; reeds Sack heeft liet onhoudbare van deze meening aangetoond 3).

Sciinack ex berg prijst de inspuitingen binnen de baarmoeder aan en geeft daarbij cene verklaring betreffende de werking der injecties: „Unstreitig würde ein Verfahren die

\') Das Gebilven nach dei- beobacliteten Natur, Strassburg 1825.

\') Monalschrift für Geburtskunde und Frauenkvankheiten, Bd. II[, 1854.

3) Deutsche Klinik, N0. 11, 1854.

-ocr page 72-

(52

Goburt in Gang zu bringen im Stande soyn, welches sich (lurch seine Einfachkeit, Leichtigkeit der Ausfülirung mul Mangel schadlicher Nebenwirkuugen vorzugsweise.einpfehlen möchte. Ich mciuc namlich class Einspritzen von warmem Wasser in den cervix uteriquot;. Tljj wil liiertoe water van 24° R. oenigo malen daags met eeno spuit injicieeren. llij vervolgt: „Keineswegs wiirde die meclianisehe Dilatation des Mutterhalses bei dieser Prozedur zuin Ziele füiiren, sondern der eigenthümlicbo Reiz des warmen Wassers, als eines fremden Körpers, der Reiz des im Mutterlialse steekenden Mundstückos, und die mehr oder weniger, durch das eingepresste Wasser, bewirkte Lösung der Velamenta-von der inneren Flache der Gebiinnutter wurde die letztere zur Reaktion und zwar durch Contraction zu veranlassen im Stande seyn.\'\' \')

Eerst in 184G maakte Coiiex uit ITamburg deze methode op nieuw als vrucht van eigen waarneming en nadenken bekend 2). Hij geeft aan, dat hij door de werking van intra uterine injecties bij aandoeningen der baarmoeder, er toe gekomen is dit middel aan te wenden tot liet opwekken van part. arte praem. Men heeft, dunkt ons, eenig recht te betwijfelen of dit wol de geheele waarheid is; in allen gevalle had Coiiex zich de moeite kunnen besparen eene methode uit te vinden, die eenige jaren te voren in een bekend tijdschrift (Siebold\'s Journal) reeds in pleno was beschreven. liet eerste geval behandelde hij met cene tinnen

\') Von Siebold\'s Journal für Geburtshülfe, Bd. XIII, 1833. -) Neue Zeitschrift für Gelmrtskunde, Bd. XXI, 1846.

-ocr page 73-

„Kinderspritzoquot;\' van ongeveer 2^ Lot)i inhoud Aan doze spuit zat eenc tinnon canulo van oen zesde tot een aclitsto duim dikte en ongeveer negen duim lang. Deze als een vrouwenkatlieter gebogen canule wordt aan do voorzijde tusschen utorus en vliezen ingeschoven, ongeveer twee duim hoog Na do injectie moet de gravida tien minuten liggen. Zoo er dan geen weeën volgen, herhaalt hij do bewerking na zes uren Steeds injicieert hij aqua pioen , niet wijl hij dit juist noodzakelijk acht, maar omdat hij er zich van bediende in het geval van hypersecretio uteri, waardoor hjj op het denkbeeld gebracht word part. arte praem. op te wekken.

Weinig geoefenden veroorlooft hij oen buigzainen katheter te nemen in plaats van een tinnen. Dit voorschrift werd door Cohen \') na eenige jaren aldus gewijzigd: men neemt ceno clysopomp en bevestigt aan hot eind van do buigbare buis eone dunne, kegelvormige tinnen canulo. Deze wordt in hot ostium gebracht en sluit dat mot hot dikste eind geheel af. Vervolgens wordt er tot vier on twintig ons teer-water in gespoten (waaraan Cohen nu moor gewicht hecht dan vroeger). Door deze groote hoeveelheid water wordt eene aanzienlijke spanning in den uterus verkregen en daar eenige minuten onderhouden, waarna de canule verwijderd en liet water grootendeels ontlast wordt Men horhale deze inspuitingen met tusschonpoozen van een half tot twee uren, al naar do behoefte zich voordoet en zot deze voort tot er -krachtige weeën gekomen zijn. Verder raadt Cohen

\'•) Monatschrift für Geburtskunde etc. Bd. II, 1853.

-ocr page 74-

G4

aan, do canule eene andere rieliting to govon, indien bij liet inbrengen bloed moelit te voorschijn komen, daar flit bloed bewijst dat men de placenta bocft geraakt. Verschillende veranderingen en wijzigingen van do methode, zoonis Coiien die aanbeval, zijn door onderscheidene verloskundigen voorgesteld. Zoo gebruikte James \') te Londen in 1848 eone caoutchouc flesch, die evenals de tegenwoordige lavement-ballons geledigd werd, Seitz to ITamburg bracht in 1850 een zilveren mannenkatheter in de baarmoeder en spoot slechts twee ons teerwater in. Aan James en vooral aan Lazarkwitscii 2), professor te Charkow, heeft men do wijziging te danken, om de injectie hoog in den uterus te doen plaats hebben. Lazarewitsch zag na proeven, door hem op konijnen genomen, dat de spiorrijke fundus het prikkelbaarste gedeelte der baarmoeder is. Bijgevolg verdient het ■goono aanbeveling den cervix als aangrijpingspunt te kiezen, daar deze minder gevoelig is door allerlei prikkels als; exploreeren, coïtus, drukking van den indalenden schedel enz. Hij brengt den alleen aan de punt geperforeerd en katheter hoog in den uterus en injicieert nu ± vier „ouncesquot; water van 28° 11. Het eersto geval behandelde hij op die wijze den IG^en Aug. 1856; binnen eenige jaren voegde bij nog elf waarnemingen hieraan toe. Dat Lazarewitsch juist bad gezien, blijkt uit hot in die twaalf gevallen verkregen resultaat; de weeën traden n.1. bijna onmiddellijk na de injectie op, terwijl Cohen vaak uren op do werking der herhaalde inspuiting moest wachten. De modificatie is later

\') R. Baunks. Obstetrical Transactions Vol. Ill, 1861.

quot;) Obstetv. Transactions. Vol. IX, 1867.

-ocr page 75-

65

floor eenigo verloskundigen gevolgd o. a. door Bkeisky 1), die eene dertig cM. langen, elastieken katheter tussclien uteruswand en vliezen brengt en vervolgens tweehonderd cM2. hypermanganas kalicusoplossing van 28:gt; li. inspuit; verder door Fleischmann a), die 10/00 thymol-oplossing inspoot naar de gewijzigde methode Cohen. De intrauterine inspuiting heeft het grootc voordeel dat zij op snelle wijze werkt. Wel is waar hleef bij sommigen o. a. bij Cohen , zelf dikwjjls dagen lang de baring uit; wel moesten de injecties somwijlen vaak herhaald worden, zooals blijkt uit hetgeen Leiimann mededeelt, hoe tien tot twintig malen achtereen de spuit in ééne zitting word aangewend en hoe TTartjng gedurende een geheelen dag bijna onafgebroken voortspoot:l). Sedert Lazarewitsch zijne ervaringen publiceerde weten wij dat de wijze, waarop de injecties werden uitgevoerd, de oorzaak was van hare trage werkzaamheid. Voor de kinderen is deze methode betrekkelijk ongunstig te noemen. Breisky bjjv. kon van zeven kinderen slechts drie in het leven houden en Sabarth te Reichenbach \'\') heeft in eene reeks van vijfenvijftig verlossingen zevenentwintig kinderen als lovend genoteerd Do boste cijfers verkreeg Lazarewitsch, die van twaalf onvoldragen wichtjes er slechts drie door den dood verloor en hierdoor de kans op 52 0/0 bracht, ecu getal, dat nog aanmerkelijk onder de 70 tot 80 0/0 blijft, waarop wij tegenwoordig mogen rekenen hij de toe-

1

\') Zeitschr. für Heilk. Bd. III. 1882.

2

) Methode Cohen. Ned. Tijdschr. van Geneeskunde, Jy, VI. 1855,

-ocr page 76-

66

passing van andere methoden. Do ernstigste grief tegen hot gebruik van intrauterine injecties blijft echter, dat in niot weinige gevallen de moeder liet leven heeft verloren of ten minste in groot gevaar heeft verkeerd. Reeds bij do eerste proef met de inspuitingen in de baarmoeder zag Coiien binnen drie uren koorts optreden, gepaard met pijn in don rug en eenig bloedverlies uit den uterus. Verder vindt men in do literatuur menigvuldige opgaven van plotseling opkomenden collaps onder verschijnselen van benauwdheid; en in vele gevallen stierf de vrouw ondanks de toediening van analeptica en het maken van kunstmatige ademhaling. Simpson (1811 —1870) verloor eeno patient doordien er injectievloèistof in de circulatie gedrongen was, en nog twee andere vrouwen overleden aan ruptura uteri, hoewel slechts weinige „ouncesquot; vloeistof waren geïnjicieord Lazzati , Taürin , Salmon , Defaul e. a. zagen na inspuitingen in de baarmoeder den dood optreden, terwijl Ulricii hot eerst luchtembolie als causa mortis aanduidde.\')

Barnes 2) zolf maakte in 1861 opmerkzaam op de gevaren aan de intrauterine inspuitingen verbonden Hij zegt; „several cases in which death has speedily followed the injection of fluids into the cavity of the non pregnant uterus are known.quot; Barnes meent dat or vocht door do tubae in hot cavum peritonei komt on den dood door ontsteking veroorzaakt. Kilian bespeurde ook hevige verschijnselen , maar Coiien schrijft dit brutaalweg er aan toe dat

\') R. 13aunes. Lectures on obstetric operations. London. 1870. \'J) Obstetr. Transactions. Vol. III. 1861.

-ocr page 77-

67

liot vocht tussclien uteruswand on decidua is gekomen en niet, gelijk behoorde, tussclien decidua en chorion. Litz-mann \') verloor eene patient aan septische peritonitis en Gee-mann 1 )te Leipzig schreef den dood eener vrouw aan dezelfde oorzaak toe. Hij kwam echter eenigszins op zijne meening terug door de verklaring van Retzius, dat n.1. do tubac alleen vocht kunnen doorlaten, wanneer er oen ovulum passeert. Eindelijk observeerden Hamon de Fresxay 2) en Faux na intrauterine injecties braken, koorts, buikpijn etc., welke verschijnselen echter weldra verdwenen en door hen als reflex-symptomen (péritonisme) worden opgevat. Dergelijke treurige ervaringen, nis hier beschreven zijn, hebben echter niet allen opgedaan Sabartii geeft in zijne boven vermelde reeks van vijf en vijftig gevallen geen enkel\'op, waarin de moeder stierf, Lazarewitsch verloor slechts één patient van de twaalf en Künxe \'\') te Elberfeld zag bij geen der negen vrouwen, bij wie hij partus arte praema-turus opwekte, eenig verschijnsel van embolin. Breisky heeft; zoolang hij volgens de methode Coiien opereert, de vliezen nooit gebroken, noch gevallen van infectie of embolic gehad.

ITet blijkt dus dat in de handen van sommige verloskundigen deze wijze van operoeren geheel zonder gevaar is voor de moeder. Tevens mag men aannemen dat zulk een gunstig resultaat voor een goed deel is te danken aan

1

a) Monatschrift für GebuHsk. etc. Bd. XII. 1850.

2

) Centralblatt für Gynilcol. 1886.

-ocr page 78-

68

de voorzorgen, die genomen worden om geen lucht in te spuiten en om te verhoeden dat men de placenta gedeeltelijk losmaakt, welk laatste ongeval te bespeuren is aan liet meer of minder afloopen van bloed. Hiermede zij eclitcr niet gezegd, dat in allo gevallen, die voor de moeder doo-delijk eindigen, de obstetricator door nalatigheid of onvoorzichtigheid de schuldige oorzaak was. Na al hetgeen hier is besproken, besluiten wij dat do intrauterine inspuiting groote voordeelen, doch niet minder groote gevaren kan opleveren. Er bestaat dus geen reden om deze kunstbewerking toe te passen 1), zoolang ons middelen ten dienste staan, die misschien minder wis en niet zoo vlug, daarentegen op eene voor do moedor ongevaarlijke wijze tot bet doel leiden.

Sphenosiphon van Schnackenbeeg.

Slechts ter loops vermelden wij hier den sphenosiphon zonder eene beschrijving van dat instrument te geven. Hiervoor biedt zich later als van zelf de gelegenheid aan, bij de bespreking der dilatatie van den cervix uteri door vocht-houdende blazen of zakken. Alleen zij hier vermeld dat het later in hoofdzaak te schetsen werktuig door eenige aangebrachte oogen en door een vliesbreker van Klüge daaraan verbonden, het onpractische instrument is geworden, dat door

1

) Voigens Fehi.i.nü in Mülleb\'s Handbuch deiquot; Gebui\'tshülfe I\'d. III. heelt ook Breisky in het vorige jaar de methode van Coiien verlaten om „klinische llücksichtenquot;.

-ocr page 79-

69

niemand, zelfs niet door den uitvinder is gebruikt. Deze heeft zicli ook volstrekt geene luclitkasteelen gebouwd over het bruikbare zijner inventie; hij aeht zich voldoende beloond , wanneer door zijne aanbeveling van den part. arte praem. de aandacht meer op deze belangrijke kunstbewerking-wordt gevestigd.

Tamponade der Vayina. a. Plukselprop van Scjioeller.

Het was geen nieuw denkbeeld van Schoeller om door tamponade der vagina weeën op te wekken. Reeds eeuwen vroeger was het bekend, dat men aldus de baarmoeder tot werkzaamheid kon prikkelen, en zelfs was deze kennis vaak misbruikt om abortus te veroorzaken; hierdoor laat zich verklaren, dat Hippocrates do medici deed zweren geen „ttsggo-j ■lt;p5ópiov te zullen aanwenden om abortus teweeg te brengen. Celsus verklaart liet grieksche woord aldus: „quae graeci ttstitovq vocant, eorum liaec proprietas est: medicamenta composita, molli lana oxcipiuntur, eaque lana in naturalibus conditur. ad sanguinem evocandum, ad eji-ciendum e vulva infantem mortuum.quot; \') Schoeller had tijdens een verblijf te Parijs, in den winter van 1838—39, in de kliniek van Paul Dubois de werking van den tampon gezien, bij eene vrouw, die aan metvorrhagie leed Hierdoor kwam hij op het denkbeeld op deze wijze part. arte

\') A. Kuausb. Die künstlicho Fmhgeburt. Breslau. 1855.

-ocr page 80-

70

praem. op tc wekken, waarin hij den zevendon Mei 1830 slaagde. ITij stopt alleen liet laquaear anterius en posterius vol met vetgemaakt pluksel, daar hij het onnoodig vindt, de geheele vagina vol te stoppen, wat alleen de vrouw pijn en hinder veroorzaakt en de werking niet verhoogt; minstens ééns per dag moet de oude tampon door middel van een draadje, dat er aan bevestigd is, verwijderd en door oen nieuwen vervangen worden.

Zijne werking bestaat volgens den uitvinder in het mechanisch prikkelen van den uterus en het vochtig maken vau do vagina. \') De tamponade met pluksel heeft alleen nog historische beteekenis. Zij is namelijk onzeker in werking, (Sciioeller zelf moest herhaaldelijk nog andere middelen toepassen), pijnlijk in aanwending en uit antiseptisch oogpunt ten eenemale verwerpelijk.

b. Varkensblaas van Hütek.

In 1842 deelde IIüter op ecne vergadering van artsen en natuuronderzoekers te Mainz mede, dat hjj eene nieuwe wijze had bedacht, om do baring kunstmatig te vervroegen. Voornamelijk had hij zich onledig gehouden met het zoeken naar iets nieuws, met het oog op de toen heerschende febris puerperalis. Hij brengt n.1. eonc aan do buitenzijde met oleum hyoseyami besmeerde blaas in do vagina en vult die met water of met een Decoctum Secalis cornuti. 2) Na on-

Sciioeller. Die künstlichc Frühgeburt bewirkt durch den Tampon. Berlin. 1842.

^ Neue Zeitschrift für Geburtsk. etc. Bd. XIV.

Meissneu. Monatschrift für Geburtsk. Bd. XI. 1858.

-ocr page 81-

71

geveer ccn luilvcn dag is de blaas grootondccls door osmose geledigd; de kunstbewerking wordt dan nog zoovele malen herhaald, tot partus volgt, wat meestal na zes of zeven dagen plaats heeft.

Busch en Ckédé zijn de eenigen, die Hüïer\'s methode hebben nagevolgd. De gladde blaas verwondt en prikkelt de vagina in voel geringer mate dan de tampon van Schoellbe; tocli hoeft ze voor ons weinig moer aantrekkelijks.

c. Colpourynter van Braun.

Het was eeno grooto verbetering van Braun te Weenen, dat hij de spoedig in ontbinding overgaande varkensblaas verving door een peervormigen bol van caoutchouc, die voorzien is van een dertig centimeter lange buis, welke door cene kraan kan gesloten worden. Hij hield over zijn inventum in 1851 eene voordracht in do k, k. Gresellschaft für Aerzte, te Weenen, waarvan wij uit hot verslag van den Secretaris liet volgende weten: „Assistent Dr. Braun hielt einen Vortrag über eino neue Eröffnuiigsmethode des Frnchthaltermundes bei Metrorrhagieen, Eclampsieen, Querlagen und Becken-verengerungen durch Einspritzungen von Flüssigkeiten in eine eigens vorgerichtete in die Scheide einzubringende Kaut-schukblase, und zoigte letztere, die er Colpourynter nennt, vor.quot; \')

Oorspronkelijk was do colpourynter bestemd om bij bloedingen in do zwangerschap te worden gebruikt, hij is dan

\') Zeitschiift der k. k. Gesellschaft der Aerzte zu Wien. 8ste Jaargang. 2de Bd. 1851.

-ocr page 82-

ook sloclits zelden aangewend om part. arte praom. in gevallen van bekken vernauwing op te wekken. De eolpeurynter heeft dezelfde gebreken en voordeelen als de varkensblaas van Hüter. Wel is een nieuw, volkomen gaaf exemplaar goed te reinigen, bijv. door uitkoken in water en afborstelen met sublimaatoplossing lquot;/ü0, doch zoo licht komen er barsten en scheuren in, die hem ongeschikt maken voor verder gebruik, omdat hij niet meer volkomen aseptisch is te maken. Bovendien veroorzaakt do eolpeurynter van Bkaun bij eenigs-zins aanzienlijke uitzetting gemakkelijk necrose van het weinig-resistente epidermisbekleedsel der vagina. De bezwaren tegen de tamponade zijn dus in afdalende reeks, dat de werking onbetrouwbaar en onvoldoende is, dat de aanwending voor de patient pijnlijk is en grooten hinder veroorzaakt, verder dat .eene voldoende antisepsis niet is te verkrijgen. IFet eenige voordeel bij de geringe werking der tamponade, die berust op do mechanische rekking der vagina, moet gezocht worden in het feit dat het ei intact gelaten wordt.

De melhode van Lehmann.

De hier te beschrijven methodus operandi is door den Amsterdamschen hoogleeraar Lehmann het meest aanbevolen en het veelvuldigst beoefend; vandaar dat zij zijn naam draagt, zonder dat hij als haar eigenlijke uitvinder moet beschouwd worden. Niet later dan in 1828 was zij reeds door Mampe te Stargard bedacht en toegepast. In 1838 maakte hij vijf gevallen bekend, die op deze wijze waren behandeld. Aan zijne mededeeling ontleenen wij het volgende: „Urnden

-ocr page 83-

73

Eiliautstich zu vermeiden, niaclite ieli vor zelm Jahren den Versucli das Chorion von der Gebarmutter in der Nillie des Mutternnmdes stellenweise zu trennen, wodurch scclis Standen spiiter Wehen hervorgerufen wurden , welche nacli dreizelin Stunden das lebende Kind ansselilossen. Ich verfuhr hierbei anf folgende quot;Weise: ieli führte ein elastisebes Katheter in den Muttermund bis zu den Eihauton, entfernte nun dessen Seele und führte es von Neuem in einer veranderten Riehtung hinein. Das Manöver wiederholte ich 5 bis 6 mal, und nahm das Katheter donn ganz heraus; dies Verfahren war ganz schmerzlos für die Mutter, was doch auch nicht aussor Acht zu lassen ist.quot; \') Met lang daarna maakten Biletee en Pfen-niger , twee Zwitsers, bekend, dat zij door eene herhaalde applicatie der elastieken bougie part. arte praem. hadden opgewekt. Lehmann zelf zag hoe in April 1841 de Amster-damsche geneesheer Zuijdiioek2) door middel eencr wasbougie, die ingebracht en onmiddellijk verwijderd werd, dc baring kunstmatig verwekte. Den 28sten April 1848 volgde Leiimaot dit voorbeeld ) Behalve de wasbougie gebruikte Lehmann ook nu en dan een elastieken; meestal is éóne applicatie voldoende, zoo niet, dan herhaalt hij na eenige uren de kunstbewerking. liet zwaartepunt zijner methode legt Leii-masn in het onmiddellijk verwijderen der bougie; op dezen

\') Casper\'s Wochonschrift für die gesammte Heilkunde. N0.41. Jaargang 1838.

\'\') L. Luiimann Verdient de warme uterusdouche etc. Nederl. Tijdschr. v. Geneesk. 1851. 2o Jaargang.

3) Beschouwingen over de door kunst verwekte baring door L. Luiimann. Amsterdam. 1848.

-ocr page 84-

74

oiscli komen wij later bij de beschouwing der methode van Kkause terug. Veel navolgers heeft Lehmann niet gevonden, de methode is daartoe te onzeker en men moot te dikwerf toevlucht nemen tot andere middelen. C E. van der Kellen\') en II. F. van Praag Heymans -) hebben dit voldoende bewezen. Overigens blijkt uit de genoteerde gevallen, dat de methode zeer dikwijls koorts veroorzaakt bij de vrouw1); voor litt kind daarentegen is zij steeds zeer gunstig geweest, bijv. in vergelijking met het resultaat bij intrauterine injecties.

De Ulerusdouche.

De Uterusdouche word door haren uitvinder Prof. Kiwisch ) (1814—1852) te quot;Würzburg aldus toegepast: een blikken bak van 10 „kubik Zollquot; inhoud is ongeveer 9 voet boven den grond geplaatst; een buis, die aan het ondereinde beweegbaar is, reikt tot op den bodem en is in het midden van eouo kraan, aan het ondereinde van eene baarmoeder-canule, voorzien. De laatste wordt tegen de portio vaginalis gebracht; vervolgens laat men twaalf tot vijftien minuten lang, water van BS3 E. tegen de portio aanvloeien en her-

1

) F. L. Idenbukg. Over het opwekken van vroegtijdige baring volgens de methode van Dr. Lehmann. Amst. 1860.

-ocr page 85-

haalt deze bewerking drie- of meermalen daags al naar de behoefte Reeds spoedig werden door de vele navolgers dezer metliode verschillende veranderingen en vereenvoudigingen ingevoerd. Grexser bracht eene wijziging in de valhoogte en grootte dor vloeistof kolom; Harting 1) nam eene clysteer-spuit met eene blikken canule zooals „iedere dorpsblikslager die kan vervaardigen\'\', hiermede maakte hij driemalen daags twintig of dertig inspuitingen in de vagina met water van 35° R. Niemand zal zich verbazen, wanneer hij verneemt, dat IIarting door zijne manipulaties, eenmaal vaginitis veroorzaakte. Sciari en Scanzoni verrichtten de inspuitingen met eene clysopomp, Litzmann en Kleixwüchter gebruikten ook eene spuit in plaats van den irrigator. Kiwiscii zelf, meenende dat de werking der douche afhankelijk was van sympathicus-prikkeling, legde vooral gewicht op het aanwenden van warm water; Ludwig KleinwêIcuter 2) daarentegen geeft eene andere verklaring, die ons voorkomt juister te zijn. Hij zegt dat door de douche do vagina maximaal wordt uitgespannen, zoodat zij bijna overal tegen den bekkenwand aanligt (sic) en zoodoende, dus door mechanische rekking, do portio korter doet worden en ten leste geheel doet verdwijnen Iljj zoekt daarom de kracht der douche niet in de hooge temperatuur van liet water, noch in den langen duur der kunstbewerking, maar alleen in do plotselinge verhooging van drukking in de vagina, die hij verkrijgt door het op eenmaal inspuiten en onmiddellijk weer laten wegloopen der vloeistof.

1

\') Monatschrift für Geburtskunde. Bd. I. 1853.

2

) Piagev Vierteljahrschrift. 1872.

-ocr page 86-

7(]

Vond de uterusdouche al spoedig voel bijval, de tegenstanders zwegen niet stil en spanden alle krachten in om vooral do feilen en gebreken van Kiwisch\' methode aan te toonen, \'t welk hun voorwaar niet moeielijk viel.

Diesterweg te Berlijn leverde in eene verhandeling voor do „Gesellschaft für Geburtshilfequot; aldaar, in 1851 do eerste bestrijding. Hij ontkent dat de methode van Kiwisch veiliger zoude werken dan de vliessteek, en de snelste van alle zoude wezen. Zijn voornaamste grief was dat zoovele kinderen tengevolge der operatie stierven. Hij had op eene reeks van twintig geboorten slechts zes kinderen in het loven zien blijven. Nog in hetzelfde jaar volgde Leiimann\'s kritiek in oen artikel, dat den titel voorde: Verdient de warme uterusdouche als middel tot hot vroegtijdig verwekken der baring do voorkeur boven iodore andere methode? Hij betoogt dat do methode van Kiwisch dikwerf door andere hulpraiddelon moot worden ondersteund \'), verder bewijst hij uit do statistiek dat de douche veelvuldig moet herhaald worden en soms dagen achtereen voortgezet. Ook ontstaat door don waterstraal congestie in do pars cervicalis uteri on metritis; zelfs zouden ook do kinderen congestie naaide hersenen krijgen, zooals blijken zou uit hot oedema cerebri, dat bijna steeds post mortem was aan to toonen. Krause heeft eene reeks van 81 gevallen nageplozen en komt uit vorkregen cijfers tot do slotsom dat de kritiek van Diesterweg en Leiimanx juist was. Kraüse houdt

\') Hiermede keert hij het wapen tegen zichzelf, daar juist dit bezwaar met grond tegen Lehmann\'s methode is aangevoerd.

-ocr page 87-

77

staande, dat de douche in een van de zes gevallen niet helpt en dat van elke zes vrouwen éeno tijdens de applicatie onwel wordt. Het achtste gedeelte dor patienten werd in het kraambed ziek en voor elke tiende vrouw hleek de douche de causa proxima mortis instantaneae.

Wij voor ons willen de gebreken der methode van Kiwisch aan de hand van gegevens van lateren datum onderzoeken. Deze handelwijze is voor de moeders vaak doodelijk geweest en in niet weinige gevallen gevaarlijk gebleken. Olsiiausen \') deelde in 1864 mede, dat tijdens de administratie der douche van Kiwisch door eene vroedvrouw — wat in Duitschland zeer algemeen placht te geschieden — de patient plotseling stierf

De lijkschouwing toonde emphysema van den buikwand en overvloedig lucht in de venae van het ligamentum latum aan ééne zijde. Litzmakn ^ zag vaak koorts optreden en noteert ook een geval van dood door luchtembolie, hoewel de assistent zelf de douche toediende en gezorgd had dat de waterstraal niet tegen den cervix was gericht. Wiener \'), assistent van Spiegelberg (1830—1881), den grooten voorstander der vaginale uitspuiting, bericht dat het verwekken van kunstmatig vervroegde baring op deze wijze twee moeders door luchtembolie den dood had veroorzaakt op eene reeks van 16 waarnemingen. Ciiarpextier raadt eveneens do douche af als te gevaarlijk. In 1884 gaf Litzmann nogmaals zijne bezwaren tegen de methode van Kiwisch

\') Monatschviffc für Geburtsk. Bd. XXIV.

2) Archiv für Gynilc. Bd. II. 1872

3) Archiv f. Gyn. T5d VIII 1878.

-ocr page 88-

78

te kennen 1). Hij vreest voor lucliteinbolio, shock, te weeg gebracht door overprikkoling van het laquaear vaginae en peritonitis door do mechanische insultatic van al te warm water. Klei.vwiicnter beschrijft dit laatste bezwaar nader: door de douche rijst de uterus, zoodat de plooien van hot peritoneum in sterke mate gerekt worden. Aan dit laatste schrijft hij de koorts en de pijn in het hypogastrium toe, schoon hij verklaart niet te kunnen bewijzen, dat niet febris puerperalis als de oorzaak moet beschouwd worden.

Behalve den dood door luchtembolie nam Frommel 2) verschijnselen van voorbijgaanden collaps waar; hij beschouwt dit als een reflex of als het gevolg van injectie-vloeistof, die in de venae is gedrongen. Verder is o. a. door Strauch to Moskou opgemerkt, dat na en door de uterusdouche do baarmoeder eene zekere ongevoeligheid krijgt voor prikkels van anderen aard. Dezelfde Strauch had nog een gewichtiger bedenking: men moet de hand en do canule in de vagina te veel heen en weer bewegen en maakt hierdoor de kans op infectie niet gering, ook al gebruikt men antiseptische irrigatie-vloeistof.3) Litzmaxx had reeds in zijn boek van 1884 ongeveer gelijke bezwaren ontwikkeld. Naar zijne meening konden zij evenwel gemakkelijk door antiseptische uitspoeling der vagina voorkomen worden. Opmerkelijk is het dat Spiegelberg meent, juist door de uternsdouche alleen, zich tegen infectie te kunnen vrijwaren. Dat zijne beschouwing naar onze opvatting niet do juiste is, springt gemak-

1

\'j Die üeburt beim engen Boeken. Leipzig. 1884.

2

) Zeitschrift fur Geburtskunde und Gynacol. Bd. V. 1880

3

) Archiv f. Gyn. Bd. XXXI. 1887.

-ocr page 89-

79

kelijk in hot oog. Immers in abstracto geven wij gulweg toe dat eene vaginale irrigatie mot do meest mogelijke veiligheid te doen is, docli door het zeer veelvuldig herhalen dor lang (10 tot 15 min.) durende douches is de antisepsis ook in weerwil van sublimaat en carbol, niet met zekerheid te handhaven. Do douche is niot alleen noch afdoende, noch snol, noch ook tegen infectie vrijwarend, maar zelfs niot gemakkelijk aan te wonden in do gewone praktijk. Alleen do klinieken hebben personeel en hulpmiddelen genoog om eono douche naar den eisch te kunnen bedienen. Daarenboven is de kans op redding van liet kind, zooals reeds vroeger is medegedeeld, zeer gering. Onder do 16 kinderen in Wiener\'s statistiek vermeld, bleven slechts vier in leven on ook KxEiNwaciiTER erkent, dat de metliodo voor de kin-doren niet gunstig is. Alles te zamen genomen verdient do uterusdouche geeno aanbevoling als zelfstandige operatie; zij kan alleen als hulpmiddel goede diensten bewijzen.

Nog terloops vestigen wij do aandacht op Runge \') te Straatsburg, dio door lieeto douches van 40° E kunstmatig vervroegde, natuurlijke baring verwekte, hiertoe aangespoord door de resultaten welke Calliburcès on Trousseau (1801 —1867) bij utorusblooding mot heeto injecties vorkregen hadden. Deze handelwijze is in onbruik geraakt. Zij verdient dan ook geen aanbeveling, daar de toepassing voor do vrouw zoor pijnlijk is en de vagina door het heete water droog en lederachtig wordt.

\') Archiv f. Gyn. Bd. XIII 1878.

-ocr page 90-

80

Bovendien schijnt naar do ervaring, door enkelen verkregen, groot gevaar te bestaan voor liet optreden van pijnlijk en liinderlijk oedeem der genitalia externa

Prikkelen der Mammae.

Reeds vóór Scanzoni er toe kwam liet physiologiseh verband tussclien mammae on uterus tot do hoofdgedachte te maken eener methode om kunstmatig de baring te vervroegen, hadden de praktische Engelschen \') het zuigen aan de mammae aangewend om amenorrhoe te bestrijden en om haemorrhagie post partum togen te gaan. Zoo beschouwde Barnes quot;) een kind aan do borst als het beste middel om de involutio van den uterus puerperalis te bevorderen. Scanzoni dan ^ verwekte part. arte praem. door applicatie op de mammae van zuigglazen, die telkens twee uren blijven liggen. Het succes door hem verkregen in de twee gevallen, die hij hier heeft beschreven, boezemde hem dadelijk zulk oeno liefde in voor zijne uitvinding, dat hij haar stelde boven vliessteok, tamponade der vagina en uterusdouche. In hetzelfde deel der „Beitriige.quot; doen Germakn te Leipzig en Langheinrich , assistent van Scanzoni , mededeeling van twee op deze wijs verrichte, kunstmatig vervroegde baringen. Hier is het echter niet alles couleur de rose; Langheinrich moest in acht dagen 65 uren het zuigtoestel aanwenden, eer partus volgde, die voorafgegaan werd door excoriaties aan de mammae,

\') Patterson, Dublin Journal, Jan. 1834.

quot;) Obstetrical Transactions 1861, Vol 111

3) Scanzoni\'s Beitriige zur Geburtsk und Gynaecol. 1854. Bil. I.

-ocr page 91-

81

lievige pijnen, toevallen, flauwten, etc. Germann zag ook wel do baring volgen, doch eerst, nadat hij drie dagen lang de kunstbewerking had moeten staken , aangezien do gravida door ondragelijke pijnen in de borsten, door braken en diarrhoe zeer leed. Scanzoni vermeerderde het getal waarnemingen nog met twee, die liij in de tweede aflevering zijner „Beitriigequot; beschrijft. In beide gevallen was de eenige vrucht van de langdurige aanwending der zuigtoestellen, dat de gravidae pijn in de mammae en ontvelling der tepels kregen. Deze beide laatste waarnemingen, versterkt door mislukte pogingen van Kilian, Ciiiari (1817—1854) en Hohl (1789—1862), deden Scanzoni zijne eertijds zoo hooggeschatte methode verlaten.

Niet alleen bleek zijn voorslag niet doeltreffend, zij was ook niet eens oorspronkelijk. In 1839 immers had Carl Priederich \') aangeraden om sinapismen op de borsten te appliceeren, daar hij, gedachtig aan den „consensusquot; tus-schen mammae en uterus, hiervan bij liet verwekken van vroegtijdige baring profijt meende te kunnen trekken. Credé heeft Scanzoni dan ook op dit proefschrift opmerkzaam gemaakt in de vergadering der „Medizinische Gesellscliaft zu Würzburgquot;, daar de laatste er met geen enkel woord van had gewaagd. Bij de vermelding dezer kleine terechtwijzing, hem door Crede toegediend, voegt Scanzoni: „Icli überlasse es, jedem Prioritatsstreite entsagend, dem Ermes-sen des Losers, ob mein und Priederich\'s Vorschlag als

\') De nova quadatu partus pvaematuri celebrandi metliodo. Rostock. 1839.

6

-ocr page 92-

82

idonHscli zu betrachten istquot; Voorwaar eeno zonderlinge wijze van apologiseeren!

In aansluiting aan de Lcliaudekle methode van Scanzoni verwijlen wij even bij de koolzuurdouches in de vagina, welke, naar onze meening, ton onrechte ook aan hem worden toegeschreven en, evenzeer geheel zonder grond, nis methode worden aangediend.

De aanleiding tot deze dwaling moet gezocht worden in de publicatie van Scanzoxi 1), waarin hij ons mededeelt een geval van overlijden door koolzuurdouches te hebben bijgewoond. Hij vangt zijne mededeeling aldus aan: „Nach-dem die Kohlensaure in neuester Zeit tlieils als eiii locales Anaestheticum, theils als ein die Muskelthatigkeit der weib-lichen Genitaliën anregendes Mitfcc 1 empfohlen und auch in Anwendung gezogen wurde, halte ich es für meine Pflicht, einen Fall bekannt zu inachen, den ich im Laufe des letzten Frühjahrs zu beobachten Gelegenheit hatto, einen Fall, der das Interesse des arztlichen Publikums um so mehr in Anspruch nemen dürfte, als er meines quot;Wissens bis jetzt einzig in seiner Art da steht.quot; Bij deze patient was er eene hyphertrophie dor portio vaginalis gediagnosti-seerd, door welke, ondanks alle middelen, haar toestand dagelijks verergerde. Daarom: „wurde uutcr diesen Um-standen die operative Entfernung des Theils der Gebarmntter besclilossen, indess glaubte der behandelnde Arzt, zur Ver-

\') Scanzoni\'s Beitrilgc zur Geburtskunde und Gyuaecologie. Bd. ill. 1858.

-ocr page 93-

83

hütung dor bei der Amputation der Vaginalportion haufig auftretonden profusen Blutung, zuvor noch cin Mittol an-wendcn zu dürfon, wclchcs nacli seiuer Ansicht eiuo Vorin-geruug der Lumina der Grofasse herbeifiiliren konnte. Er machte deshalb den Vorschlag, durch cinige Tage Kohlen-saurc in den Cervical-kanal einströmon zn lassen und obgloich icli rair von dor Anwendung dieses Mittels keinos-wegs einen besonderen Erfolg versprach, so war icli docli wegen des eigenthümlichen Verhiiltnisses, in welchom mein Collega zur Kranken stand, nicht gegcn die Anwendung. Eino mit einer durch einen Halm schliessbaren Kauülo ver-sehene Schweinsblase wurde mit Kohlensaure gefüllt und dies letztore am 10 April, Abends 41 /, Ulir, mittols eines elas-tischen Schlaucbes zum erstenmal in die weit klaffende Cervicalhöhle eingoleitet, wobei, wie mich mein Collego versicherto, ein nur massiger Druck auf die, die Kolilen-silure enthaltendo Blase ausgeführt wurde. Aber kaum mochten zwei bis drei Kubikzoll Kohlensaure in den Cervix uteri eingetreten sein, so schrie die Kranke laut auf, und die Worte: ,es tritt mir Luft in den ünterloib, in den Kopf, in don Hals,quot; waren die letzton, die sie sprach; donn allsogleich erfolgte ein sehr heftiger allgemeinor Starr-krampf, die sehr erschwerte Respiration wurde rasselnd, der Puls kleiner, beschleunigter, die Extremitaten kalt und trotz aller von mehreren herbeigerufeneu Aorztcn vorgo-uommenen Belobungs-Versuche erfolgte, 1| Standen nach der Vornahme der obcn erwahnten Manipulation, der Tod.quot;

Bij de sectio cadaveris bleek het, dat de vermeende hypertrophische portie vaginalis, door eene vrucht van 4

-ocr page 94-

84

maanden uitgozet was; verder werd nog alleen oedema pnl-monum gevonden. Scanzoni stelt den dood afhankelijk van koolzuurembolie of koolznurvergiftiging. Zijn slotwoord is: „Jedenfixlls ist die mitgetheilte Beobachtung geeignet, den praktischen Arzt zur grössten Vorsiclit bei etwaigcn, mit dcm fragliehon Gasc vorzunehmende Experimenten anfzn-fordern, indem der oben beseliriebene Fall liinreichend zeigt, dass uns die Art nnd Weise, wie die Kohlensaure ihren deletiiren Einfluss zu ünsseru vermag, noch keineswegs nach allen Seiten hin bekannt istquot; Uit de hier aangehaalde woorden blijkt voldoende, dat Scanzoxi geen voorstander der koolzuurdouehe geweest is; bovendien is er in de vroeger verschenen afleveringen zijner „Beitragequot; met geen enkel woord van deze handelwijze sprake.

Germam 1) te Leipzig spreekt reeds in ditzelfde jaar 1858 van; „Scanzoni\'s Methode, Anwendung der „Kolilen-saure-Gasdouche anf die Scheidewande,quot; waarmede liij in een geval part. arte praem. heeft opgewekt. Germann bracht liet koolzuur, dat uit bicarb, sodao en acid. sulphur, werd verkregen, door oen speculum vaginae, dat met eenen prop goed was gesloten, in de scheede. Breslau en Vogel hebben onmiddellijk na het bekend worden van Scanzoni\'s mededeeling, met koolzuurdouches op zwangere konijnen proeven genomen. Hunne conclusie is, dat zelfs groote hoeveelheden van dit gas geen vergiftige werking vertoonden en dat ook do vrucht geen nadeel er van ondervond. Ook had het hoegenaamd geen gevolg, indien bij de proefdieren 18

\') Monatscbrift für Geburtskunde etc. BJ. XII. 1858.

-ocr page 95-

85

uur na hot werpen van jongen mot geweld koolzuur in de baarmoeder werd gedreven. Deze beide onderzoekers achtten dus do koolzuurdouches ongevaarlijk, maar tevens op liet verwekken van weëen van geen invloed.

Meerdere gegevens zijn ons over do toepassing van vaginale douches met koolzuurgas niet geworden; wij hebben echter voldoenden grond om te zeggen, dat deze wijze van operoeron nooit eigenlijk eeno methode is geweest om de baring kunstmatig to vervroegen, on dat Scaxzoni verkeerdelijk als uitvinder daarvan is beschouwd.

Methode van Kkaüse.

In do voorrede van zijne uitgebreide monographic \'), lt;10 vrucht van een arbeidzamen geest, maakt Albert Kkause op geheimzinnige en min duidelijke wijze gewag van twee manieren om vroegtijdige baring te verwekken. Tot juiste booordeeling mogen hier zijne woorden volgen: „Die Zahl der Methoden zur Erwockung der künstlichen Frühgeburt ist in Doutscliland in der nouoren Zeit so botrachtlich ver-mehrt, dass es wünschensworth erschoint, den Worth einor joden fostziistollen. Da nicht jede nouo Methode auch eine wirklicho Bereichorung der Kunst darbiotot, so dürfto in einor solchen kritischen Würdigung aucli die Prage, ob es nicht vortheilhaftor sei, eine sclion vorhandene ^[othode zu bonutzen und zu vervollkommnen, ais fortwahrend hcmüht zu sein, zu domselbcn Ziele nouo oft weniger vortheilhafte

\'\'l Dio künstliche Frühgeburt. Breslau. 1855.

-ocr page 96-

S6

Wcgc cinzuschlagcn, iliro Erlcdigung findcn. Steht mir aucli selbst nicht cinc so rciclic Erfahrung zu Gebote; um übcr cin jcdes ciiizelno Verfahren ein auf eigene Beobachtung gegriindetes Urtlieil zu fallen, so ist doch das Material ein so reicliliches und ein von vielen Autoren geliefertes, so genaues, dass die Möglichkeit eines nnbefangenen Urtlieils gcboten wird. Ein solches glanbe ich mir mit um so melir Reclit zusprccben zu dürfen, als ich selbst eine neuc Methode erfunden, die sich mir in den wenigen Fallen auf cine so übcrraschende Weiso bewahrte, dass icli fast erschreckte über den Erfolg, und aus Besorgniss eines nahe liegenden Missbrauchs, sic der Oeffcntlichkeit zu übergeben schcute, aber gleichwohl diese meine Methode einer andern von mir nicht erfundenen nachsetze, wcil letztere bei gleicher Sicher-heit ünd Unschadlichkeit den Vorzug einer grosseren Ein-fachkeit besitzt.

Im geschichtlichen Theile habe ich eine Trennung der

Nationalitat um so lieber vorgenommen, weil hier deutlicher

als bei irgend einer andern Operation die Vorzüge deutscher

f

Geburtshilfe zu Tage liegen.quot;

Waarschijnlijk is de tweede wijze van handelen, die de voorkeur kreeg boven zijne eigene methode, dezelfde, welke hij in een afzonderlijk hoofdstuk als; „die Operation nacli meiner AVciscquot; bespreekt. Jammer maar, dat ons zijn eigen uitvinding onbekend is gebleven! Voorzeker, anderen zouden minder vreesachtig zijn geweest dan Kraüse, om de goede reden, dat do verzwegen kunstbewerking minder eenvoudig was in de toepassing, dan andere wel gepubliceerde methoden — reden, waarom immers Krause zelf haar verwierp —

-ocr page 97-

87

cn dus niet in du eerste plaats voor misbruik door onbevoegden kon in aanmerking komen. Bovendien zou de mede-deeling zijner niet geopenbaarde uitvinding des te duidelijker de „ Vorztige\'\' der Duitsehe verloskunde boven die van andere volken in liet lielit gesteld, hebben. Voor wij overgaan tot liet beschrijven van hetgeen Kkause deed, wenschen wij reeds nu mede te declen, dat liet eenige daarin nieuwe, bestaat in het laten liggen van den katheter, in tegonstelling met Lehmaxn\'s methode, waarbij de bougie onmiddellijk wordt verwijderd. Hoezeer nu ook de ervaring ten gunste van Kkause heeft beslist, tocli behoort er op gewezen, dat Lehmann\'s advies geheel in overeenstemming was mot den toenmaligen stand der wetenschap. Züijdiioek \') bad bij eene patient do bougie zoo lang laten liggen, tot cv krachtige weeën waren gekomen, en in het kraambed bezweek de vrouw aan febris puerperalis. Reeds in 1848 legde Lehmann er dan ook allen nadruk op, dat men slechts even den uterus moet prikkelen om ontsteking te voorkomen. Van Kkaüse\'s methude vreest hij te sterke irritatie. Die vrees was zeer gegrond , aangezien hij eene zijner patiënten aan febris puerperalis zag sterven, toen hij de bougie langer dan gewoonlijk had laten liggen. Hij legt zijne meening kortelijk bloot in de vraag: „Zoude juist die aanhoudende prikkel op een gevoelig slijmvlies niet de kiem kunnen leggen tot eene puer-peralc ontsteking der baarmoeder?quot;

AVij wenschen verder niet bij de vergelijking dezer mannen stil te staan; alleen wagen wij de gissing, dat men Krause\'s

\') luenbuku 1. c.

-ocr page 98-

88

bedrijf als roekeloos zoude hebben gebrandmerkt, en in opstand tegen de wetenschap, indien niet de uitslag voor dien tijd in ieder opzicht zoo gunstig ware geweest.

De voorbereiding der patient tot de operatie bestaat in het nemen van drie warme baden daags en het gebruik van pillen met crocus en aloë. Zij veroorzaakt eene congestie naar de genitalia interna, welke deze weaker en minder weerstand biedend maakt, en een overvloedigen fluor albus teweeg brengt. Deze voorbereiding der patiënt blijft natuurlijk achterwego, waar voor moeder of kind pcriculum in mora is. De verdere behandeling verschilt naar omstandigheden.

1°. Is de portio vaginalis gemakkelijk te bereiken, week en het ostium externum cenigermate geopend, dan wordt op geleide van den linker wijsvinger, die het ostium „fixeertquot; de buigbare katheter zonder mandrijn met de rechterhand in het halskanaal gevoerd en nu zachtkens naar boven gebracht, waarbij de linker wijsvinger door herhaaldelijk schuiven medehelpt. Op die wijze valt het meestal uict moeilijk den katheter tusschen de vliezen en den wand van den uterus te brengen , waar hij gewoonlijk aan de achterzijde ligt. Vindt het binnenwaarts schuiven van den katheter eeuigen weerstand , dan moet men dien door de glijdende beweging van den linker wijsvinger pogen te overwinnen. quot;Wilde men hot met de rechterhand uitvoeren, dan zoude de buigbare katheter zich voor de plaats van weerstand omkrullen Ligt do weerstand in het ostium internum, dan kan men den katheter van mandrijn voorzien, of ook mot de uterus-sonde het ostium forcecren. Aldus kan men den katheter een eind-weegs in den uterus brengen en behoeft men niet zeer be-

-ocr page 99-

89

vrccsd to zijn voor liot losstooton dor placenta, daar de verbinding tussclien deze en don utoruswand vrij stevig is en derhalve door het buigzame voorwerp niet gemakkelijk kan worden opgeheven. Het eind van den katheter, dat buiten de vulva steekt, wordt met een smal bandje om de heupen bevestigd. De vrouw wordt hierna met oen T-verband te bed gebracht. Gelukt liet niet op die wijze partus op te wekken, doordien de baarmoeder te „torpidequot; is om te rea-geeren op den prikkel van den katheter alleen, dan gaat Krause over tot het inspuiten van lauw water tussclien de vliezen en den utoruswand. Is spoedig na, niet tengevolge van, het inbrengen van den katheter vruchtwater afgeloopen, dan moet toch het instrument blijven liggen, opdat dooiden gemeenschappelijken stimulus van kind en katheter de uterus zich zoo snel mogelijk van zijn inhoud zoude ontlasten , waardoor het gevaarlijke van den toestand zou worden weggenomen. Blijkt het dat ook nu nog de baring niet voortgaat, dan raadt Krause aan injecties in de uterusholte te maken met lauw water, zoo hoog mogelijk tussclien vliezen en baarmoederwand.

2quot;. Bij lange, harde povtio vaginalis en gesloten ostium uteri externum bewerkt Krause de verwijding met zijn dilatatorium, dat een kwartier in situ wordt gelaten. Is bet gewonschte resultaat na één keer (meestal) niet bereikt, dan wondt men het na twaalf uur. weder gedurende vijftien minuten, aan enz. tot de baring is ingetreden. Veelal is na applicatie van dit instrument geen ander hulpmiddel meer noodig, hoewel soms ook nog do katheter on intrauterine injecties moeten dienst doen. Be patient ondervindt geen pijn tijdens do kunst-

-ocr page 100-

no

bewerking en wordt alleen maar gekweld door een: „nn-beliagliches Gofülil, welehes sich bis zur Olmnmcht steigern kann.quot; Locaal prikkelt het werktuig begrijpelijkerwijze in niet geringe mate; liet gevolg is dan ook een sterke fluor albus, door Krause vaginaal-secretie genoemd.

3quot;. Kan men do portio vaginalis met don vinger niet bo-reiken of staat liet ostium te boog, dan beproeve men eerst den uterus naar boven en naar achter te bewegen door uit-vvcndigo handgrepen. Tegelijkertijd tracht men met twee vingers de portio te „fixeeren.quot; Slaagt men daarin niet, zoo gaat men de vagina tamponeeren met plukselwieken, waarvan de diepstliggende aan draden bevestigd zijn, waarmode men den tampon in zijn geheel kan verwijderen. Krause brengt dien in zijligging der vrouw in, met behulp van een speculum van Segalas Men vernieuwt om de 24 uren den tampon en spoelt daarbij telkens de scheede uit, totdat liet verlangde resultaat, d. i. dieper dalen van den uterus door beginnende weeën is bereikt.

De methode van Krause liecft slechts weinige veranderingen ondergaan in de 35 jaren, die ons van hare bekendmaking scheiden. Eene wijziging door Braün \') aangegeven bestaat in het inbrengen eener bougie, vervaardigd van darmsnaren, die opzwellen, zoodra zij vochtig worden en daardoor den uterus nog sterker prikkelen. Valenta 1) geeft de voorkeur aan een Engelschen katheter wegens zijn groote stevigheid; de opening sluit hij mot een propje was. llij

1

) Die kathetcrisatio uteri. Wien. 1871.

-ocr page 101-

91

plaatst zich aan tic linkerzijde van de vrouw, die met verhoogd bekken op den rug ligt, en schuift op geleide van den wijsvinger der linkerhand, die iu don canal is cervicis wordt geschoven, het instrument naar binnen. Zoo slaagt hij er in don katheter links achter in den uterus te brengen, wat hem wenschclijk voorkomt, omdat vooreerst do placenta meestal rechts zit, ten tweede do rug van hot kind meestal links ligt en eindelijk omdat de uterus meer rechts in de buikholte is geplaatst, Ahlfeld \') brengt de vrouw in zijligging en schuift daarop den top van don linker wijsvinger door den cervix heen, waarbij do vinger met do volaire zijde naar boven haakvormig wordt omgebogen. Hij laat vervolgens de bougie lungs do binnenvlakte, van dien vinger glijden, waardoor zij steeds aan do voorzijde tusschen uterus en vliezen eene plaats zoude vinden. Hij handelt aldus omdat, volgons hem, do placenta meestal naar achter en ter zijde zit en opdat de bougie bij liet inbrengen niet tegen do linea innominata van het vernauwde kleine bekken zoude stuiten Feitsch en Feullxg leggen de bougie aan in do door Sims ingevoerde zijligging der patient en haken de portio vaginalis mot eene Amorikaansche kogeltang aan. Het komt ons voor dat men hot meestal niet in zijne hand zal hebben de bougie in eene bepaalde richting aan to brengen. Misschien zijn Valenta, Ahlfeld e tutti quanti daartoe wol in staat; do moesten echter zullen vooral bij hoogstaande portio vaginalis en weinig geopenden caualis cervicis zich bij hot applicoeron der bougie door het toeval

\') Berichte, und Arbeitnn. Marburg. 1881—82.

-ocr page 102-

92

laten leiden Sippei, 1) te Frankfort is er in een geval in geslaagd de baring te provoceeren door eene sonde a double courant in de baarmoeder tussclien vliezen en wand te brengen en hierdoor eenige raaien telkens een half uur lang jjswater te laten strooraen. Behalve de koude komt hier ook voorzeker do vrij dikke sonde als prikkel in aanmerking.

Uit liet feit. dat de methode van Krause het menigvul-digst van allo wordt aangewend, mag men reeds vooraf besluiten, dat de part. arte praem., op deze wijze uitgevoerd, hot grootste voordeel en het minste gevaar oplevert.

Toch raag het niet overbodig heeten iets nader de voor-en nadoelen der operatie in oogensehouw te nemen. In sommige gevallen zijn door hot inbrengen der bougie de vliezen gebroken, wat niet altijd zal te vermijden zijn en volstrekt niet alleen op een pathologisch en toestand der mom-brana wijst, gelijk Krause dat meende. liet is in zulk een geval niet strikt noodig de bougie te laten liggen, aangezien naar de juiste opmerking van Olshaüsen 2), de bougie het bovenste gedeelte van den baarmoederwand toch niet meer prikkelt, maar in het ei zelf zich bevindt, alwaar do wer-kmlt;gt;- natuurlijk nul is. Behalve door het breken dor vliezen

o

kan de bougie nog onheil stichten door eene gedeeltelijke solutio placentae. Men heeft daarom getracht te bepalen waar de placenta gewoonlijk zit. Valenta meent dat zij rechts, Ahlfeld dat zij juist voor of achter is geplaatst. Een criterium van meer waarde dan deze meeningen is door

\') Centralblatt für Gynaecologie 1886

Klinische Beitrage zur Gynaecol, und Geburtshülfe. 1884.

-ocr page 103-

93

Leopold ami do hand gedaan. FLj bepaalt de plaats der placenta door do insertie der ligameuta rotunda. Bevindt zich het grootste gedeelte der haarnioeder vóór die ligamenta dan ligt ook de placenta aan de voorzijde. Omgekeerd, wanneer de grootste massa meer naar achter ligt, dan moot men de placenta ook aan do achterzijde zoeken. Ook al was do plaatsing der moederkoek ons steeds bekend, dan zal liet nog ondoenlijk zijn haar met de bougie immer te vermijden. Wij hebben er vroeger reeds op gewezen dat het niet een ieders zaak is de bougie in een willekeurige richting in te brengen.

Ahlfeld betoogt 1), geheel in overeenstemming met eene opmerking, vele jaren vroeger reeds door Lehmakn -) gemaakt, dat liet raken der placenta niet de oorzaak is der somtijds optredende bloeding.

IFij zegt: in de helft der gevallen zal de bougie de placenta moeten raken, daar deze bijna altijd recht voor- of acliter in de baarmoeder ligt. Door die aanraking ontstaat dan ook steeds eonige bloeding. Dit weinigje bloed wordt bij normale ligging der placenta d. i. met den onderrand 10 c.M. boven liet ostium uteri \'internum door het slijmvlies steeds geresorbeerd, daar het door den hoogen druk, die in utero heerscht, niet langs den katheter kan wegvloeien (!) wat alleen mogelijk is bij lage insertie der placenta. Deze laatste toestand is dan ook, volgens Ahlfeld, de reden dei-soms optredende bloeding. Naar onze meening is er in de aanraking der bougie met do placenta slechts in zeer weinig

\') Berichte und Arbeiten. Marburg, 1883—84.

3) Beschouwing over de door kunst bewerkte baring. Amst. 1848.

-ocr page 104-

94

gevallen gevaar gelegen. Indien men voorziclitiglijk, zonder geweld te gebruiken, het buigzame, slappe instrument inbrengt, zal men geen vrees behoeven te koesteren dat eene geringe aanraking de moederkoek zal losmaken. Ontstond niettemin eeno aanzienlijke bloeding, dan kan men altijd de moeder voor ongeval beveiligen dooi naar Braxton Hicks versie te doen cn met den afgehaalden voet het ostium uteri te tamponeeren, zooals wij in een geval door prof. Treüb met goed gevolg zagen verrichten.

Spiegelberg \') spreekt de vrees uit, dat door Krause\'s methode lucht in de baarmoeder wordt gebracht. Iljj ducht dit gevaar zelfs als men eene bougie in plaats van een katheter gebruikt, wijl naast de bougie lucht zoude indringen. Andere nadeelen bestaan voor de moeder niet; wij gaan n.1. om vroeger vermelde reden met stilzwijgen voorbij dat, gelijk de uitvinder zelf bericht, vaak koorts optreedt. Voor het kind is geeu onkel nadeel te wachten van Krause\'s methode. Do statistiek, waarbij 70 tot 80% kinderen als lovend zijn aangegeven, bewijst het overtuigend. Toch zijn niet alle waarnemingen, ook van goede obstetricatoren, oven gunstig. Ahlfeld hield in 1SS,IU2 slechts 23% der kinderen in het leven; terwijl in den laatston tijd van Schroeder\'s professoraat tc Berlijn op zijne kliniek over 31 gevallen slechts 50% der kinderen gespaard bleef. Men verlieze bij deze cijfers niet uit het oog, dat do aanwijzing tot de operatie voor een uiot gering gedeelte de voorspelling bepaalt.

J) Lehrbucb der Geburtshülfe. Breslau 1878.

-ocr page 105-

95

In den laatsten tijd heeft men ontwaard dat do bougie niet meer zoo snel werkt als vroeger. Aiilfeld had dit bespeurd bij de gevallen, door hem behandeld 18a3/34; hij verklaart dit door dat de bougie in dezen cursus slechts één maal werd geappliceerd. Op Leopold\'s kliniek liep de baring in do jaren 1883—18S7 in gemiddeld 80 uur 18 min. af. Do langste duur was 214 uur 45 minuten. De uit Sciiroeder\'s kliniek getrokken statistiek van Paniènsky \') geeft 79 uur als middelcijfer, terwijl ook aan de Leidsche kliniek in den laatsten tijd de ondervinding is opgedaan, dat de methode van Kraüse zeer langzaam, om niet te zeggen in liet geheel niet meer werkt. De eerste verklaring-van dit verschijnsel werd in 1885 te Petersburg op een congres van geneeskundigen door Ij.vi.andix 2) gegeven. Hij deelt mede dat luj 17-inaal onder strenge antisepsis de bougie had ingebracht, en dat in al die gevallen de kunstbewerking hem in den steek gelaten had, zoodat hij tot vliessteek de toevlucht moest nemen. Zijne meening is dus dat de snelle werking van voorheen moet worden toegeschreven aan eeno geringe endometritis, veroorzaakt door infectiekiemen, die met de niet aseptischc bougie in den uterus waren gebracht. Op ditzelfde congres verhaalde Rjüssenzeff, dat Sciiroeder dit reeds in zijne voorlezingen had aangeduid mot do woorden; „Frübor gelang die Einloitung der künstlichen Frühgoburt nach der KRAUSE\'schen Methode leiohter, woil wahrschein licb mit der Bougie Faulnisserroger in den Uterus gebracht

\') Diss, over part, arte praeni. Berlijn. 1887. a) Max Straucu. Archiv für Gynaecol. BJ XXXI.

-ocr page 106-

96

wurden.quot; Het komt ons voor dat de conclusieën van Balandin en Schroeder alleszins door de omstandigheden zijn gewettigd. Men zal dus wellicht genoopt worden in de toekomst naar eene andere manier van opereeren om te zien, die even veilig is als de handelwijze van Krause, maar sneller en zekerder werkt. Do Leidscho kliniek is hierin reeds voorgegaan op eene later te beschrijven wijze. De goede, gevaarlooze, vrij vlug (binnen een tot twee dagen) werkende methode van voorheen staat dus in onbruik te geraken. Het nadeel of\' ongemak, voortvloeiende uit liet verlies van dit goede hulpmiddel, zal echter geen schaduw van vergelijking kunnen doorstaan met het ontzaglijk groote voordeel, dat de strenge handhaving der antisepsis in de verloskundige wetenschap oplevert.

Dilatatie van den cervix uteri door vochlhoudende blazen.

De eerste, die dilatatie van den cervix uteri op deze wijze voorstelde was Schnackenberg en het eerste instrument tot dat doeleinde vervaardigd was de sphenosiphon. Hij bestaat in hoofdzaak uit een metalen cylinder, van eene canule voorzien, waaraan een zak van varkensblaas of boksscrotum verbonden is. Als de zak in den cervix is geschoven, wordt de van boven geopende cylinder met water gevuld, daarna wordt do daarbij behoorende zuiger tot eene bepaalde diepte ingeschoven. Eiken dag wordt hij verder ingedrukt, zoodat in drie etmalen de cylinder ledig is: dan is ook de blaas geheel opgespoten en het ostium uteri ongeveer 3 c.M. out-

-ocr page 107-

97

sloten. Uit de wijze, waarop de dilatator wordt gevuld, mag men veilig afleiden, dat niet de meclianisclie rekking, maar de verwijding door reflectoir verwekte weeën de hoofdoorzaak der ontsluiting is. In de Medieal Times and Gazette June 1859 \') deelde Ur. Murray te Edinburg mede dat hij bij placenta praevia bet ostium bad verwijd door een zak op te blazen met lucht. Tevens berichtte hij dat Dr. Keiller, wiens assistent hij was, door caoutchouc lucht-pessaria zelfs bij Iparae part. arte praom. had opgewekt. Barnes, aan wien wij deze bijzonderheden ontleenen, deelde in 1870 mede2) dat Storer in 1859 door met water gevulde zakken het ostium uteri bad geopend ; bij beschrijft zijne operatie aldus : „First, overnight pass an elastic bougie six or seven inches into the uterus, and coil up the remainder of the instrument in the vagina; this will keep it in situ, next morning some uterine action will have set in, in the afternoon at an appointed time proceed to accelerative measures. Before rupturing the membranes, adapt a binder to the abdomen, and let this be tightened, so as to keep the head in close apposition to the cervix. This will often prevent the cord from being washed down by the rush of liquor arnnii. Dilate the cervix by the medium or large bag until the cervix, will admit three or four fingers. Then rupture the membranes, and before all the liquor amnii has escaped, introduce the dilator again and expand until the uterus is open for the passage of the child. If the presentation is

\') K Barnes. Obstetrical Transactions. Vol. 111. 1861. 3) Lectures on obstetric Operations. London. 1870.

7

-ocr page 108-

natural, if there is room, and if there are pains, leave the rest to Nature, watcliing tlie progress of the labour. If tliese conditions are not present, and one or other is very likely to be wanting, proceed with accolerative methods, that is to tlie forceps or turning, or in cases where the passage of a live child is hopeless, to craniotomy. By pursuing this method we may predicate with great accuracy the term of the labour. Twenty four hours in all counting from the insertion from the bougie should sec the completion of the labour.quot; In de woorden „if the presentation is natural, if there is room and if there are pnins, leave the rest to Nature. watching tlie progress of the labourquot; ligt liet begrip van part, arte praem. geheel opgesloten. Dit missen wij in de beschrijving, die Barnes geeft van de werking zijner dilatatoria. Hij verhaalt hoe het lozen van Murray\'s bericht hem er toe bracht: „in devising and getting made suitable instruments on the same principle.quot; Hij gebruikte zijne dilatatoria voor het eerst in April 18G0, verder wenschthij hen aangewend: „in eases of convulsions, of uncontrollable vomiting, exhaustion, haemorrhage, from placenta either previal or fundal; in all cases in which immediate delivery is indicated, this instrument may bo depended on to accomplish that, gently and safely, which lias hitherto been done violently, precipitately and therefore with danger. The instruments I employ in the preparatory stage for the primary dilatation of the cervix uteri are, if tlie cervix is very small and rigid, first, short metallic bougies, scooped out hollow for the sake of the lightness and to afford free passage for discharges; secondly, a series of cylindrical caout-

-ocr page 109-

99

chouc dilators, the introduction of which is facilitated by-being mounted on a tioxible metallic stem, a foot or more in length, and which can be withdrawn when the dilator is in situ, previously to distension with water. In the provocative and accelerative stages larger cylindrical bags are required; and to obviate the tendency which the cylindrical or pyriform bags have to slip out of the cervix into the vagina or forwards into the uterine cavity, I have had one made of a fiddleshape, so that, when distended, the bulging out at either end maintains the instrument in the cervix. When labour is somewhat advanced, it is an easy matter to insert the larger bags, rolled up into the cervix by the aid of the fingers alonequot;. In zijne „Lectures\'\' van 1870 betoogt Barnes, dat men den uterus te weinig helpt die tot vroegtijdige baring wordt geprikkeld, daar men gewoonlijk alleen de weeën opwekt en dan verder alles aan de natuur overlaat. Hij leert: „it is just as feasible to make an appointment at any distance from home to carry out at one sitting the induction of labour as it is to cut for the stone. The operation may be brought entirely within tlie control of the operator. In stead of being the slave of circumstances, waiting anxiously for the response of Nature to his provocations, he should be master of the positionquot;. De wijze, waarop liij opereerde, was met zijne woorden in volkomen harmonie; zoo wekte hij o. a. op eersten Kerstdag 1862 vroegtijdige baring op bij eene vrouw, wier portio vaginalis door carcinoma was verhard en nog moest worden geïncideerd. Hij had zich voorgesteld binnen acht uur den partus te zien termineeren en in weerwil van den ongun-

-ocr page 110-

1Ü0

stigen toestand volbracht lnj zijne taak in do helft van den bepaalden tijd. Uit alios blijkt dat Barnes naar onze begrippen geen part. arte praom. hooft opgewekt. Deze meening wordt o. a. ook door Chakpentier gedeeld \'). Behoorde de methodus operandi van Barnes eigenlijk hier niet besproken te worden, ook zijne „fiddleshaped bagsquot; verdienen geene aanbeveling. Ons hoofdbezwaar ligt ook hier wederom in het gevaar voor infectie, dat allo niet nieuwe (hier en daar gebarsten) caoutchouc voorwerpen opleveren. Verder leert de ervaring dat deze dilatatoria alleen weeën kunnen veroorzaken , die slechts zoolang voortduren, als de prikkel wordt aangewend.

Eeno wijze van dilateeren, die nog ruwer, maar minder samengesteld is dan die van Barnes, werd in 1879 door James Braithwaithe-) aangegeven. Hij dilateert, waar dit noodig is, don cervix uteri kortweg met beide handen. Hiertoe brengt hij de wijsvingers met de rugvlakte naar elkander toegekeerd in den cervix en verwijdt dien, door de vingers van elkaar te bewegen. Zelfs bij primiparae gaat luj aldus te werk.

Wij gunnen den uitvinder gaarne de zeer twijfelachtige eer, waarop hij voor zich aanspraak maakt, do eerste te zijn, die dit middel in praktijk brengt en wij wenschen ook van harte, dat hij de eenige moge blijven.

\') A. Cuarpentiek. Traité pratique des Accouchements. Tome II. 1883. -) übstetr. Transactions, Vol. XXI.

-ocr page 111-

101

Dilalateur inlrauterin.

Tn do zitting dor Academic Imperiale de Medecinc van 11 Nov. 1862 resumeerde Tarnier de door hom gegeven „description d un nouveau moyen de provoquer raccouchc-ment prématuréquot;, in de volgende woorden:

„„1quot;. les difficultés et les insuccès, qui accompagnent 1\'application de 1\'éponge préparée, et les dangers graves, causes par les douches utcrines, justifient la recherche de nouveaux procédés pour l\'accouchonient prématuré artificiel.

fl2n. Lo dilatateur intrautcrin que je propose pent être utilisé dans ce but. II so compose d\'une sonde, dont l\'extré-mité coiffée d\'un tube de caoutchouc peut se dilator en boulc quand on y pousse une injection. Un robinet .empêche lo reflux du liquide.

„„3quot;. Cot instrument est porté dans la cavité mcme de l\'utérus et quand il y a été gonflé, il se trouve retenu par l\'orifice interne et reste en place sans aucun bandage contentif.

„,,4quot;. Son application est facile et ne cause aucune dou-leur; ello se fait sans amener la rupture dus membranes et parait exempte de tout danger.

„„5quot;. Co procédé diffèrc des moyens précédemment employés en co qu\'il permet d\'introduiro dans l\'utérus un corps solide, volumineux, qui par son séjour y fait bientót naitre des contractions énergiques et tous les phénomènos du travail.

„„Gquot;. Les observations (au nombre de dix) recueillies jusqu\'a présent semblont démontrer qu\'avec ce dilatateur on provoque raccouchement prématuré plus facilement qu\'avec tout autre procédé.quot; quot;

-ocr page 112-

102

Den 15 Jan. 1863 teekende A. Mattei protest aan tegen Tarniek\'s mededeeling als zoude diens dilatateur intrauterin een door hein uitgedacht instrument zijn. Mattei vermeldt, dat do dilatateur reeds in 1855 door hem was ingevoerd cn dat hij dien beschreven had in zijn „Essai sur l\'accouche-ment physiologiquequot;. In hoofdzaak bestaat hij uit een man-nenkatheter met maatverdeeling, daar de toestel tegelijkertijd ook pelvimeter is. Aan het uiteinde is een zak van scha-penblaas gebonden, die in den cervix of ook wel in den uterus zelf wordt opgespoten. De slotsom van zijn betoog luidt: „le dilatateur m\'appartient; je 1\'ai employé pour hater, provoquer, la dilatation du col la oil il fallait agir plus promp-tement quo les contractions du travail ct si je ne me suis pas servi do eet instrument pour la provocation de 1\'accouche-ment premature, e\'est que les douches m\'ont toujours suffi sans produire de graves accidents. Dans mes cours je n\'ai pas moins indiqué mon dilatateur comme un des moyens in-offensifs do provoquer le travail lorsque les douches faisaient défaut.quot; Do dilatateur van Taknier mot de vereenvoudiging door Pajot daaraan gegeven, is in Frankrijk tot voor niet langen tijd vrij algemeen in gebruik geweest. In de laatste jaren heeft Pajot do methode van Krause aangenomen, omdat de dilatateur intrauterin hem te omslachtig toescheen. Dat de bougie in Frankrijk nog niet veel gebruikt was, blijkt uit de woorden: „un procédé nouveau, je puis le dire, ici du moins; car assurément il n\'était point passé dans la pratique courante.quot; \') Do werking van Tarniee\'s instrument is

\') Annales de gynécol. Mars 1885.

-ocr page 113-

103

vooral bjj multiparao niet steeds zeker. Dikwerf glijdt het niet groote caoutchoucbolletje uit het ostium. Spiegelberg heeft hier op hot gevaar voor infectie gewezen. Fehlijsg beschouwt den dilatateur als „völlig überflüssig.quot; Onze bezwaren er tegen zijn, dat liet werktuig te gecompliceerd is en daardoor moeieljjk te reinigen, dat verder het caoutchoucbolletje — \'t welk op zijn hoogst de grootte van een duivenei kan bereiken — veel te klein is en gemakkelijk barst.

Elec triciteit.

De electriciteit is reeds vroeg als middel tot het verwekken van kunstmatige baring gebruikt.

Echter werd haar gebruik eerst in 1875 aan de vergetelheid ontrukt door eene publicatie van von Grünewat.d te Petersburg. Deze berichtte \'), dat hij in twee gevallen den faradischcn stroom had toegepast om part. arte praem. op te wekken en in beide gevallen met goeden uitslag. Deze mededeeling vestigde bij vernieuwing de aandacht op de toepassing der electriciteit.

Van zelf word men nu ook boter bekend met hare geschiedenis. Zij is in hoofdzaak de volgende. Eeeds in 1764 en 1781 werd onderscheidenlijk door Alberti in zijne „Diss, inane:, de vi clectrica in amenorrhoea i. e. catamenia ob-structaquot; Göttingae, en door Bertifolon in: „1\'électricité du corps humain dans l\'ctat de santé et de maladiequot; elec-

\') Ai-ohiv für Gyn. Bel. VIII.

-ocr page 114-

104

triciteit bij utcruszickten aangeprezen \'). Door do ontdekking van Galvani in 1790 vond zij in de medische wetenschap ruimer aanwending dan voorheen; terwijl W. GK von IIekdkr (1774—180G) in 1803 dc kolom van Volta toepaste op onregelmatige en te zwakke weeën. De raad van den laatste vond toen nog geen ingang, aangezien de „Electromania medicorum transitoriaquot; door Galvani veroorzaakt -) reeds voor eene reactieve onverscliilligheid had plaats gemaakt. Stein Jr. en Kilian vroegen in 1839 de aandacht voor hnnDo electrische forcipes, die van twee metalen waren vervaardigd en niet alleen mechanisch maar ook dynamisch zouden werken.

In Engeland volgde Thomas Radford (1793— 1881) IFer-dee\'s advies, twee en veertig jaren nadat liet was gegeven. Hij wendde do kolom van Volta aan bij atonia uteri en zag daarop contracties volkomen op weeën gelijkende. Zijne landgenooten hebben de hulp der electriciteit minder versmaad dan de Duitschers, hoewel dezen door Frank, (1771 — 1842) Sciireiber, Vogler en Kilian genoegzaam op de hoogte waren gebracht van het belang dezer uitvinding.

Sciireiber raadde in 1843 galvanische stroomen aan1), terwijl Vogler en Kilian in 1845 proeven namen met den door Faraday in 1832 ontdekten inductiestroom.

Wij gaan nu een tijdvak van dertig jaren voorbij en vinden dan Welponer, die door Grünewald\'s bericht aangespoord.

1

) Neue Zeitschrift. Bd. XIV.

-ocr page 115-

105

cr toe kwam faradischc stroomen te beproeven, doch zonder goeden uitslag. \')

In 1885 poogden achtereenvolgens Bayer, Walchbr, Baird , Plbischmann met den constanten stroom part. arte praem. op te wekken; Litschkus en andoren verklaarden zich voor den indnetiestroom\'-).

Bij de aanwending dor electricitcit kan men voor de electroden verschillende plaatsen kiezen. Do vagina, de cervix, do binnenwand van den uterus, de buikwand, de wervelkolom, het sacrum, zijn zoovele plaatsen, waar men de electroden heeft laten werken. Tiet schijnt inderdaad, dat de galvanische stroom krachtiger werkt op den uterus dan de faradischc electricitcit. Over liet algemeen maakt men van geen van beide soorten meer gebruik om do baring kunstmatig in gang te brengen, De werking is te onzeker cn duurt te lang, zij vcroischt bovendien toestellen, die niet ieder medicus hooft of overal kan medevoeren. Hot ergst van alles is, dat de sterkere galvanische stroomen pola-risoerend werken en daardoor op do plaatsen, waar de kathode stond, ulccra veroorzaken. Zelfs is een geval van vaginitis purulenta, ontstaan door de kathode, ons geboekt. Voor de kinderen is do elcctriciteit niet zeer gunstig ge-bloken ; tijdens de applicatie beweegt zich de vrucht zeer sterk in de baarmoeder en loopt daardoor gevaar aan eone ecnigszins lange navelstreng zich zelf te verworgen, wat inderdaad ook reeds is voorgekomen.

\') Centnilblatt i\'. Gyn. 1878. 2) Centralblatt f. Gyn. 1885.

-ocr page 116-

106

Bovendien lieeft de ondervinding geleerd dat de meeste kinderen levenloos ter wereld komen. Zoo toont zich de electriciteit niet alleen nadeelig, maar zelfs zeer gevaarlijk voor de kinderen. Voor ons bestaat er dus weinig reden deze in geen enkel opzicht profijtelijk gebleken methode te volgen.

Inspuitingen van Pilocarpine.

De onderhuidsche inspuitingen met pilocarpine zijn eerst een twaalftal jaren geleden beproefd om de baring kunstmatig te vervroegen. Den stoot tot liet experimenteeren gaf de mededing van Massmann te Petersburg, die den 24«ten Aug. 1878 bij ecne zwangere, wegens algemeene oedemen, 20 mG. pilocarpine had ingespoten \'). Niet alleen trad zweeten op, maar ook weeën volgden, die binnen acht uur de geboorte van een levend kind veroorzaakten Bij ecne andere gravida zag hij ook binnen zeven uur na de inspuiting de baring volgen; in dit laatste geval bleef liet braken, dat den eersten keer zich vertoonde, geheel uit.

Weldra kwamen er van velerlei zijde mededeelingen, betreffende proeven met pilocarpine. Felsenreich \'-) maakte bekend dat pilocarpine, na zeven injecties van twintig mG. ieder, hem in den steek had gelaten. Hyerxaux-) injicieerde vruchteloos 600 mG. binnen twee dagen. Schauta -) betoonde zich dadelijk een voorstander; de eerste maal bracht

\'j Centralblatt f. Gyn. 1878. \') Centralblatt.f. Gyn. 1878.

-ocr page 117-

107

hij door 40 mGr. eene pi\'ivnipara binnen 18 nron tot baring; later moest bij na zeven inspuitingen van twintig mG. on na injectie van dertig inG. Extr. hydrastis canadensis fluid, tot de bougie de toevlucht nemen. Ondanks dezen tegenspoed en in weerwil van den collaps, do neusbloedingen en het braken, die op de injecties volgden, bleef Schauta toch aan dit middel gehecht.

Den moesten geestdrift over Massmann\'s toevallige ontdekkingen is door KLElNwaCHTER te Innsbrück aan den dag gelegd1). Hij nam er do proef mede en zag ja, wel collaps en braken, maar de partus volgde dan toch, schoon het kind reeds dood was Grooto verwachtingen koestert hij van dit middel, en de gevaren, die or aan verbonden zij n, acht hij niet groot genoeg om den gunstigen indruk, dien dit medicament maken moet, te verzwakken. Even goed zoude men, zoo redeneert hij, de tang kunnen „verponenquot;, omdat wel eens moeder en kind beiden er nadeel van hebben ondervonden. Zijne gevoelens kan men het best leeren kennen uit de volgende ontboezeming:

„Würde sich dies (de goede werking) bestatigen, so hieltc ich diose Errungenschaft für eine der bedeutendsten auf dom Gebiete der Geburtshilfe, nicht minder wichtig als die epochomachende Erfindung der Zange und die Entdeckung über das Wesen des Pnorperalfiebers, eine Errungenschaft, gegen welche alle in den letzton Jahren bekannt gewor-denen Fortschritte zurücktroteu müssen.quot; Jammer dat een volgend geval, waarbij al weder het kind dood geboren

\') Archiv f. Gyn. Bd. XIII. 1878.

-ocr page 118-

1 OS

werd, hem deed inzien dat pilocarpine cninulatief werkt en dus in kleine doses met groote voorzichtigheid moet worden toegediend.

Na Schauta en KleinwacHTER komen slechts tegenstanders der pilocarpine aan het woord. LabArraqüe luid reeds in 1S7S op grond van mislukte proeven door Ciiantredil op zwangere honden en katten genomen, zich tegen de onder-huidsche inspuitingen van deze stof verklaard 1). Het resultaat der onderzoekingen van Süxger, Ercole, Pasquali, Kroner, Charpenïier en Phillips komt korteljjk hierop neer:

1quot;. pilocarpine kan geen weeën verwekken, maar wel reeds bestaande versterken,

2quot;. is liet voor de moeder gevaarlijk, daar braken, zweeten, arhythmische pols en collapsversehijnselen veelal optreden, ook ondanks toediening van amylnitriet (Senator), oleum camphorae en morphine (Zielewics).

Bij uraemie bewerkt hot oedema pulmonum onder zeer zorgwekkende verschijnselen. In de meeste gevallen worden de kinderen dood geboren; dus ook in dit opzicht is pilocarpine gevaarlijk.

Het zal misschien oenigo verwondering baren, dat dit met recht geheel verlaten middel zoo vaak is beproefd, zelfs door de eersten onder de verloskundigen. Bedenkt men echter dat do ideale methode om baring kunstmatig te vervroegen die is, waarbij de genitalia der patient in het geheel niet worden aangeraakt, waarbij dus elke mogelijke waarborg tegen infectie is gegeven, dan zal men zich

\') Gazette obstétricale, N0. i9. 1878.

-ocr page 119-

109

geheel kunnen verklaren dat de verloskundigen, eerst na vele teleurstellingen, de inspuitingen met pilocarpine hebben opgegeven.

Ileele, ycheele baden.

Voor korte jaren werden de baden wederom aanbevolen oin part. arte praem. te veroorzaken. Zij werden daarbij nog wel als iets nieuws voorgesteld. Het is ons echter bekend, dat Gardien \') de tegenstander der kunstmatig vervroegde baring, zich alleen met dit denkbeeld kon verzoenen , indien men warme baden wilde toedienen; ook blijkt uit de aangehaalde woorden van Roussel de Vaüzesme, dat reeds Le Vacher de la Feutrie dit middel hoeft gekend.

Sippel te Frankfort zag in 1885 bij twee zwangeren, die aan oedemen leden, door heete, geheele baden (35° R.) weeën ontstaan -). Dit bracht hem op het denkbeeld ook in gevallen van bekkenvernauwing door prikkeling der sensibele huidzenuwen de baring te vervroegen. Hij slaagde daarin bij eene Ilpara, die 34 weken zwanger was, door drie baden van 35° R. gedurende een half uur toe te dienen. Zijne tweede proefneming bij eene vrouw, die in de 33ste week barer tweede zwangerschap was, mislukte ondanks 10 baden, met water van 30\' / ,0 R. geheel.

Deze tegenspoed maakte Sippel van de warmte af keerig,

\') Cf. pag. 36. 2) Centralblatt 1885.

-ocr page 120-

110

lnj nam nu do proef met koude (zie methode Kraüse \')_ Hoffmann te Darmstadt bracht don doodsteek aan de ge-lieele methode toe a), door mededeeling te doen van eene proefneming, die hij gedurende eenige dagen te vergeefs had voortgezet. De eenige waarneembare werking was eene congestie naar de hersenen bij de patient, welke ondanks ijs-applicatie niet kon worden bestreden. De polsfrequentie verdubbelde bijna en de temperatuur steeg tot 391° C., terwijl do vrucht zeer levendige bewegingen maakte.

Naar onze meening zoude Sippel zicli eene groote verdienste hebben verworven, indien hij had kunnen bewerken, dat warme, niet lieete baden als voorbereiding tot elke baring, zoowel iï terme, als vroegtijdige, algemeen waren ingevoerd.

Interne middelen.

Het voornaamste geneesmiddel, dat gebruikt werd, is voorzeker het moederkoren, een medicament, dat reeds in de vorige eeuw diende om weeën te bevorderen en te pro-voceeren. To Lyon kende reeds in 1777 eene vroedvrouw de werking van het secale cornutum, dat als „chambuclequot; bekend was. \') Ook wees oen Engelsch geneesheer, wiens naam niet vermeld wordt, reeds in de vorige eeuw op het gevaar voor het leven van het kind, dat na toediening van

\') Cf. pag. 92.

a) Centralblatt f. Gyn. 1886.

3) A. G. Schultz. Spee. medico-obstetvic. inaug. de partu praem. arte provoc. Groningae. 1825.

-ocr page 121-

Ill

he^ moederkoren door hem was waargenomen in een geval van tweelinggeboorto. In Amerika was liet als pulvis par-turientis bekend en werd in een brief van Stearns aan Axerley aangeprezen. Ten onzent word het secale door Noktikr vóór 1825 reeds toegediend, en in twaalf van do dertien gevallen met succes.

Bongiovanni bevond de werking van liet moederkoren slechts matig bevredigend. Vele navolgers vond hij dan ook in Italië toen niet.

In Engeland is het gebruik van dit middel door de bemoeiingen van Ramsbotiiam , den beroemden verloskundige der Royal Maternity Charity te Londen, eene bepaalde methode geworden.

In 1855 maakte hij o. a 26 waarnemingen bekend, waarbij alleen secale was aangewend \') Zijn voorschrift was: R. Infus. secalis cornuti (??)))) ^V) )(3 Acid. sulph. dil. drachma dimid. Syr. cinnamomi.

Tinct. cinnamomi aa 5})

0.4. h. c. 2.

Van de 2G kinderen waren ov 14 dood geboren en stierven er spoedig nog 5 aan stuipen, zools Ramsbotiiam zelf dacht door vergiftiging met secale. Behalve Nortier maakten ook van Wageningen te Rotterdam en Leiimann van secale gebruik; het is bekend dat laatstgenoemde daarbij steeds aloë toediende. In den kaatsten tijd heeft Eriiard geëxperimenteerd met het cornutine, dat door Kobert uit het

\') Leoi\'. Hartino. Monatschrift. Bd. I. 1853.

-ocr page 122-

112

secale is bereid, liet schijnt dezelfde voordeelen en gevaren op te leveren als liet moederkoren

Behalve liet secale werden nog borax on crocus onder verschillende namen en vormen als w eeën bevorderen de middelen toegediend. Verder leest men van balsamum embry-ouum, elixir vitae mulierum, aqua e corde cervi etc., waarvan de samenstelling niet bekend is.

De chinine is in 1878 door Lewis aanbevolen en Juniperus sabina, Viscum album e. a. vinden in Long een verdediger ). Ten slotte melden wij nog dat Extr, Belladonnae in reuzel als „pommade dilatoirequot; aan de portio vaginalis werd gesmeerd en zelfs in een geval vergiftiging heeft veroorzaakt -).

Onthouding skuur.

Eigenlijk staat de onthouding van voedsel en liet aderlaten buiten of zelfs tegenover de kunstmatig vervroegde baring. Wij wenschen toch even bij de verzwakkende kuur stil te staan, omdat zij met den part. arte praem. het denkbeeld gemeen heeft om een levend kind ondanks een vernauwd bekken te doen geboren worden. Reeds in 1780 hadden Fothergill (1712—1754) en Lucas (1713—1771) eene hongerkuur aangeraden met venaesecties om de vrucht in de baarmoeder in haar groei te belemmeren. Veel navolging-vond deze voorslag aldaar niet, wat door den „praktischen

\') SiiNGEK. Archiv f. Gyn. Bd. XIV.

z) Fleedwood Cuübciiill. Researches on operative Midwifery. Dublin. 1841.

-ocr page 123-

113

Sinnquot; dor Engelsclion, gelijk Kraüse opmerkt, voldoende verklaard wordt.

Baudklocque had zich zeer tegen dit middel verklaard omdat de ervaring meestal de theoretische overwegingen had gelogenstraft, daar zelfs zeer zwakke phthisische moeders groote, zware kinderen baren.

Wij hebben hier gewag te maken van twee groote voorstanders Brüninghausen en Ackermann. De laatste betoogt in zijn geschrift \'), dat door de iiongei\'kuur minder zuurstof naar hot kind wordt toegevoerd, zoodat dit woeker en kleiner blijft. Verder maakt hij gebruik van aderlatingen en minerale zuren. Volgens hom wordt de groei der vrucht vooral bohoorscht door zenuwinvloed, do plexus uterinus is n. 1. van sympathisehen oorsprong en zal dus bij „erhobende Loidonschaftonquot; eone verwijding der arteriae utorinae veroorzaken en aldus moor bloed in do baarmoeder brengen.

„Niederschlagondo Eigenschaftenquot; zouden juist hot togen-ovorgostolde resultaat geven. Hij beschouwt het daarom als een „wesontlichos Stück dos Regime\'\' om do vrouwen voor „erhobende Leidonsehaftenquot; te bewaren. „Niodorsohlagende Eigenschaftenquot; schrijft lijj altltans hier niet voor.

Kelsh, vox Siebold, Joerg en Froriep verklaarden zich tegen eone behandeling, waarbij do vrouw door laxantia, karig voedsel, weinig slapen, hard werken en vonaesecties wordt uitgeput. Spoedig was dan ook dit wonderlijke middel geheel in onbruik.

In don allorlaatsten tijd is door L. Prochownick te

Etwas über dio Erleichterung schwerer tieburteu. Jena. 1804.

8

-ocr page 124-

114

Hamburg do vergoten kuur weer opgewarmd \') en als eigen vinding, dio wol do overweging waard zoude zijn, aangeboden. Hij laat zijne pationten gedurende de twee laatste maanden der zwangerschap oen dieet houden, dat naar oen gemengd type B a nt ting - O f. r t e l wordt geregeld. In drie gevallen hoeft Prochownick er reeds goede vruchten van gezien. Menigeen zal mot ons zijne verwondering uiten over de gemakkelijke wijze, waarop door bekkens met conjugata inclinata van 10—10,8 cM. kinderen werden geboren, bij welko: „dio Entwicklung in keinerweise durch die Entziehungskur gelitten hatquot; on bij „die Ansbildung der Körperlange, die Har to der Skoletthoile, soweit beur-tlieilbar, regelmassige waren.quot; Alleen magerheid en: „vlel-leichl elwas in der Postigkcit zurückbleiben der Kopf-knochenquot; was hot resultaat der kuur bij do kinderen.

Prociiownick deelt hier dus met zooveel woorden mede, dat eigenlijk alleen door het kleiner worden des schedels door vetonttrekking do baringen in zjjne waarnomingen zoo gunstig afliepen. Immers ook aan Prochowmck is bekend, dat bij vernauwd bekken de passage van het hoofd bijna het eenige bezwaar oplevert. Gulweg verklaren wij liier niet te hebben geweten, dat zulke massa\'s vet onder de galea eranii, op do tubora parietalia, achterhoofdsknobbel en tubera frontalia aanwezig waren. Over deze punten toch loopt ongeveer de grootste omtrek van den schedel, en dus voornamelijk hier moot de dieetknur van Prociiownick zijn gunstige werking hebben ontvouwd.

\') (Jeutralblatt 1\'. Gyn. 1889.

-ocr page 125-

115

„Es is nicht unwalirschcinliclizoo eindigt luj, ,dass ein ahnliches Yerfaliren so von einzelnen eingcschlagen worden ist; in dor mir zuganglichen Litteratur, aucli bis ins Alterthum liinnuf, fund ich aber niclits angegebenquot;. Het is wel jammer dat bij niet beeft kunnen lezen boe Baudelocqüe, vox Siebolu en Salomon er over hebben geoordeeld !

Proeven op de Lekhche kliniek genomen.

Reeds vroeger hebben wij gezegd, hoe men ook op de Leidsche kliniek de ervaring had opgedaan, dat do methode van Kraüse onder antiseptische voorzorgsmaatregelen toegepast, zeer onbevredigende uitkomsten gaf. Ook de IToog-leeraar Tueüij schreef liet succes, dat na applicatie der bougie, vroeger veelal volgde, aan de werking, van infec-tiekiemen toe, die met bet niet aseptische voorwerp in de baarmoeder waren gedrongen. Z.11.Gel. beproefde toen eene dergelijke prikkeling in de baarmoeder te verwekken met chemische agentia, dus met verwaarloozing van de gevaarlijke hulp der splijtzwammen. Als prikkels werden gebezigd Oleum terebinthinae, Tinct. jodii en 20% Sulphas-natricus oplossing.

Vooraf had men door besmeeren der vliezen mot Oleum tereb. of Tinct. jodii bij multiparae, welke bijna a terme waren, zich overtuigd, dat hierdoor alleen de membranen niet gebroken werden. Nu bracht Prof. TrEüB door middel van een scbroefspuitje van Guyon met eene bougie perforce a bonle eenige druppels der vloeistof boog in den uterus tusschcii baarmoederwand en vliezen. In de enkele gevallen,

-ocr page 126-

110

waarin op deze wijze werd geëxperimenteerd, was liet effect, wat betreft liet optreden van weeën, niliil. Het eenige resultaat was bij drie der vrouwen een flinke cer-vixeatarrli. De proeven om op die wijs baring te verwekken werden nu gestaakt.

Na. deze mislukte poging om door chemische prikkels kunstmatig vervroegde, natuurlijke baring te veroorzaken, besloot do IToogleeraar op een tot nog toe niet beproefde wijze den uterus mechanisch te irriteoren. liet zeer eenvoudige apparaat, waarmede de baring wordt opgewekt, bestaat uit een elastieken katheter ÏSquot; 9 — 11 van de filière van Ciiaeriere, op welks boveneinde een caoutchouc condom is gebonden. Over dezen katheter wordt een andere dikkere (Nquot; 30 der filière), die ongeveer 5 cM korter is heen-geschoven, zoodat do dunne katheter, met een klein deel van het condom. als een prop oven boven den dikken uitsteekt. Om de beschreven inrichting mogelijk te maken zijn door Galante te Parijs dikke katheters vervaardigd, waarvan hot boveneinde dwars afgesneden en do randen van hetzelfde bekleedsel als de geheele katheter voorzien zijn. De toestel wordt aldus hoog tusschen de vliezen en baarmoederwand ingeschoven. Hierop wordt een stukje holle elastieken slang als koppelstuk op den dunnen katheter gebonden, en met eene spuit ongeveer 180 c.M.:! boorwater in het condom gespoten, waarbij de dikke katheter langzamerhand wordt teruggetrokken, Terwille van het gemakkelijk glijden van het condom in den dikken katheter wordt dit na antiseptische reiniging afgedroogd en met 5% carbol-olie besmeerd. Dit is noodig omdat de katheters van Fransch

-ocr page 127-

117

en Engelscli fabrikaat van binnen ruw zijn cn niet glad gemaakt kunnen worden. Prof. Treur lioopt dat do door hem bestelde celluloidkathetcrs van boven boscbreven model de olieaanwending zullen overbodig maken.

Om liet koppelstukje wordt nu een draad gebonden en de dunne katheter aldus in situ gelaten, om eerst met het condom verwijderd te worden als de ontsluiting nagenoeg volkomen is.

Het matig opgespoten condom heeft eene cylindervormige gedaante van ongeveer ISe^f. lengte en 4 c.M. in doorsnede. Dit vrij groote, gladde voorwerp zal dus de baarmoeder in voldoende mate mechanisch kunnen prikkelen, zonder schadelijke irritatie van anderen aard. Tot nog toe is het-apparaat bij vier Ilparae met normaal of bijna normaal bekken beproefd; in al die gevallen moest hoogstens nog 14 dagen verloopen, eer het vermoedelijke tijdstip der baring was bereikt.

In \'t eerste geval was het resultaat als volgt: 1 Nov. \'s namiddags 4 uur geschiedt de kunstbewerking; des nachts eenige pijn, gedurende den 2den Jsbv. zwakke weeën, die \'s avonds sterker worden en \'s morgens te 5 uren de geboorte van een levend kind ten gevolge hebben.

Bij de tweede vrouw geschiedt do applicatie 5 Nov. \'s morgens. Gedurende den midddag en den avond pijn, \'s nachts 2 uur was er 5 c.51, ontsluiting eu \'s morgens te kwart voor 2 werd een levend kind geboren.

Bij de derde waarneming werd door den dikken katheter eene opening in do vliezen gemaakt; de partus trad spoedig in met normaal cn gunstig beloop.

-ocr page 128-

118

Den vierden keer was de opening van den groeten katheter iets te nauw, zoodat lijj niet kon teruggetrokken worden, \'t welk in do vorige gevallen steeds gemakkelijk was geschied. Men moest nu don katheter openknippen en raakte daarbij het condom, zooilut al liet boorwater wegliep. Ongeveer 36 uren later word ook deze vrouw van een levenden zoon verlost.

In al die vier gevallen werden de secundinac gemakkelijk verwijderd en volgde een normaal kraambed. Het behoeft er wol niet bij vermeld te worden, dat steeds onder strenge handhaving der antisepsis werd geopereerd. Daarom werden dan ook telkens nieuwe instrumenten gebezigd.

Het resultaat, in de Leidsche Kliniek verkregen, lokt zeer tot nadere proefneming uit Dan eerst zal het kunnen blijken of het openen der vliezen een gebrek is in deze handelwijze of een gevolg van de gebreken, die aan elke in wording verkecrende methode kleven. Voorzeker zal veelzijdig, herhaald onderzoek ook do schaduwzijde in deze proeve van verloskundig hulpmiddel kunnen aantoonen. Toch heeft men eenigen grond voor do hoop, dat de voorslag van Prof. Tkeub, misschien meer of minder gewijzigd, blijken zal eene goede methode te zijn, d. i. eene zoodanige, die cito, tuto et jucundo werkt.

-ocr page 129-

HOOFDSTUK III.

Aanwijzingen.

a. Bekkenvernauiuiiig.

Dc oudste aanwijzing tot liut verwekken van part. arte praem. is bokkenvernauwiug en steeds is zij ook de meest voorkomende geweest. Onder deze rubriek komefi echter niet alleen bekkens, wier conjugata vera of wier andere maten kleiner dan gewoonlijk zijn, maar ook zulke, die door onbewegelijke gezwellen, al of niet van hét bekken zelf uitgaande, verkleind worden. Immers indien aan een normaal, wijd bokken zich b. v. eenc exostose bevindt, die over den bck-keningang heen steekt, dan wordt feitelijk de een of andere der maten van den ingang vernauwd en bet normaal wijde bekken levert dan bij de baring dezelfde bezwaren op als een sclieef of in den ingang vernauwd exemplaar.

Naarmate zich de grenzen van dc sectio caesarea bij bekkonvernauwing in den laatsten tijd meer en meer hebben uitgebreid, naar die zelfde mate zijn zjj voor den part. arte praem. beperkter geworden. Vroeger viel een bekken van 5—6 cM. conjugata nog binnen de perken onzer kunstbewerking. De Engelschen hebben dan ook wel bij dien graad van vernauwing geopereerd en ook Franschen o. a. Velpeau

-ocr page 130-

120

Jüülin, Dubois en Tarnier stolden respective 6,75, 6,5 en en 5,5 eM. als uiterste grenzen.

srieu el berg wilde nog in 1870 alleen eene conjugata vera van minder dan 8 c.M. als indicatie aangemerkt hebben en dat nog wel alleen, indien door vroegere verlossingen is gebleken, dat de kinderen steeds groote hoofden hebben gehad. In zijn leerboek van 1870 is hij iets milder met de aanwijzing. Als zoodanig beschouwt hij nu de platte bekkens van 7—8 c.M. c. v. en algemeen vernauwde met 7 J—9 c.M conjugata.

Onze perken stellen wij van 7—9 c M. c. v., waarbij men in het oog moet houden, dat voor algemeen vernauwde bekkens de grens van minimum en maximum iets hooger ligt.

Deze cijfers zijn slechts van zeer algemeene waarde en afhankelijk van velerlei, later te vermelden voorwaarden. De eenige beperking, die wij nu maken is voor osteoma-lacische bekkens. Bij deze soort kan n.1 zelfs door een absoluut vernauwd bekken een levend kind a terme geboren worden. Vóór men dan ook beslist welke hulp de kunst zal bieden, onderzockc men eerst in narcose, iioe groot vermoedelijk de buigbaarheid der beenderen zal zijn.

Ilabilued sterken van hel kind voor hel einde der zwanyerschap.

Deze door Denman gestelde indicatie beeft steeds vele bestrijders gevonden. Ontegenzeggelijk is er in die aanwijzing iets onbepaalds, men weet niet of eene nieuwe graviditeit niet beter zal afloopcn dan de vorige. Vooral wanneer men

-ocr page 131-

121

eeno rationecle therapie instelt, mag men veelal met gerustheid liet \'eind der zwangerschap afwachten. Denman zelf ziet hot onzekere zijner aanwijzing zeer goed in. Hij zegt: ,,There is always something of doubt in these cases, whether the child might not have been preserved without the operation.quot; De dood van het kind gaat meestal met koorts, rilling en onwel zijn der moeder gepaard. De meest voorkomende oorzaak is wel syphilis der vrucht. Deze syphilis wordt bijna meestal door don vader aangebracht, zonder dat daarbij de moeder behoeft aangetast te worden. Porter (1790—1861) maakte het eerst op syphilis als doodsoorzaak opmerkzaam \') en Martin (1809—1875) deelde mede, dat post mortem meestal sero-sanguinolent transsndaat in de buikholte word gevonden; zoogenaamd hydrops sanguinolentus foetus. IIecker en later o. a. Ruge gaven aan, welke veranderingen de organen bij congenitaal syphilitische kinderen meestal vertoonen. Naar hunne gegevens kan men dus eenigermate bij de obductie zijn oordeel vestigen.

Door Scanzoni en Gusserow word op anaemic der moeder als causa mortis van het kind gewezenquot;-).

Naar de ervaring, die Fehling verkreeg3), is nephritis der moedor meestal de causa nocens. Do placenta was in deze gevallen klein — juist in tegenstelling van de syphilitische moederkoek — van witte strengen voorzien, die eene

\') Leopold, Avchiv f. Gyn. Bd. VUL

-) Zoo schreef Hoffmann den frequenten abortus tijdens het beleg van Leiden toe aan anaemie dor vrouwen, veroorzaakt door den hongersnood.

\') Archiv f. Gyn. Bd. XXVII

-ocr page 132-

122

primaire periartcriitis fibrosa multiplex aanduiden. Moestal vindt men bij de sectie een of andere oorzaak voor den dood; hetzij eenc aandoening dor vasa umbilicalia, of eene torsie der navelstreng, of placentitis, of endometritis.

Naar onze raccning zal men door eene doeltreffende therapie , die dus do oorzaak tracht te bestrijden, in vele gevallen den dood dor vrucht kunnen voorkomen. Blijkt och ter dat de roboreeronde of antisyphilitische goneesmiddelen geen invloed hebben gehad, dat dus do vroegtijdige dood mettor-daad habitueel is geworden, dan zal men mot recht tot part. arte praem de toevlucht mogen nemen. Men kan zich echter dio moeite besparen, wanneer men verzuimd hooft in gevallen, waarin syphilis niet met absolute zekerheid is uit te sluiten, eene antisyphilitische kuur voor te sclirjjven. • Syphilis toch is voor liet opwekken van vroegtijdige baring de eenige contraindicatie, daar moestal de congenitaal luetische kinderen na een kort, ellendig bestaan aan de ziekte sterven.

lietenlie eener cloode vrucht in de baarmoeder.

De gevaren, die een dood kind in utero voor de moedor in bepaalde gevallen kan opleveren, zjjn reeds zeer langen tijd bekend. Onder andoren vestigde reeds Eltciiakius IIösslin \') (?—1520) hierop de aandacht. In „Das neuiidt Capitolquot; hetwelk „sagt vou einom todten Kind inn muterleyb, audi von den- zeychen eins todton kinds, unnd wie man es ausz mutterleyb bringon soil,\'\' geeft hij 12 toekenen van

\') Der Schwangeren Frawen u. Hebammon Kosengarten. Worms. 1513.

-ocr page 133-

123

den dood van liot kind en voorts schildert liij den toestand der moeders als liet ei tot verrottinquot;- is overquot;;elt;iaan. Hij

ö O O O

acht dergelijke vrouwen verloren: „darum imisz nian sie Got hevelhen.quot; Verder raadt hij de doodc vrucht te verwijderen: „1st ah er sach das man das tod kind von mutter leyb hringen mag, unci die muter bey dem leben behalten, so widerfert ihr sollichs nit, wie das dan yetzund gesagt ist. Darum soil man grossen ernst an keren, unud fleysz brauchen, kein arbait sparen, darait die frau des todten kindes bald entladenn worde.quot;

Meer dan twee en een halve eeuw later wees Hoffm.vxx andermaal op de retentie ceuer doode vrucht in de baarmoeder; hij weet echter, dat bij intacte vliezen geen rotting-kan ontstaan en dat ook meestal een dood kind spontaan wordt nitgestooten. \')

Op het eind der vorige eeuw gaf Paulus Scheel in zijne vroeger geciteerde Commentatio in cenc Thesis het navolgende: „Foctu mortuo in corruptionem vergente liquor amnii impedit quominns particulae corruptae uteruin immediate et nimis concentratae tangant.\' De argumenten hiervoor zijn de volgende: „Quamvis membranis adhuc clausis aöris accessum impedientibus vera fermontatio putrida vix locum habere possit, tameu foetum quodammodo in corruptionem abire posse experientia docet, diluit particulas illas corrup-tas liquor amnii.quot; Uit alles blijkt dat men het gevaar eener tot ontbinding overgegane vrucht zeer goed inzag.

\') Wie könnon Frauenzimmer frohe Mütter gosunder Kimlor werden und selbst dabei gesund und seliön bleiben V Frankfort. 178.).

-ocr page 134-

124

Welke gevolgen de rotting liebben kan, blijkt o. a. uitecne mededeeling van Goth te Klausenburg, waar een teruggebleven dood kind de oorzaak werd eener levensgevaarlijke ziekte der moeder, eene utero-rectaalfistel maakte en on-dragelijken stank verspreidde \') Niet altijd zijn do gevolgen zoo ernstig. Valenta verhaalt, -) hoe een sedert 40 dagen bi ontbinding verkeerende kindersehedel en placenta; hoegenaamd geen invloed op den algemeenen toestand der vrouw oefende. Do pols was normaal, er was geen koorts, een voortreffelijke eetlust, alleen maar was er een onbeschrijfelijke krengenlueht bij de vrouw. Meer dergelijke bijzonderheden heeft Fkeuxd ons verhaald.:i) Deze indicatie voor partus arte praematurus is na Kiiodion door Mai en nog enkele anderen gegeven.

■ Voor ons kan deze toestand in bepaalde gevallen de aanwijzing tot de kunstbewerking zijn, hoewel meestal een dood kind spontaan wordt uitgedreven en er bovendien weinig gevaar voor septische ontleding bestaat, zoolang het ei intact is De ondervinding hooft geleerd, dat de baarmoeder haar dooden inhoud gemakkelijk uitdrijft; de bougie is hier geheel voldoende en men behoeft deze dus slechts korten tijd aan te wenden en kan dan de spoedige verlossing met gerustheid afwachten.

■) Archiv f Gyn. Bd. XXXII. -) Archiv f. Gyn. Bd. XIX. 3j Deutsche Klinik 1869. N°. 33

-ocr page 135-

125

Partus Serotinus.

Mai stolde liet eerst cloze indicatie in de bowoordiiiffen; „Eadem niilii perplacot permatura obstetricantis auxilii acti-vitas si forsan cx quacunique demum causa uteri gravida inertia in undccimum usque graviditatis mensem expultrices protraheret contractionos. Ingons enim foetus incremontum partus vel naturalis, vel artificialis posse inducero poricnla et matri ot proli funeslissimaquot; \'). Kelscii vreest dat deze aanwijzing „ridiculosum videtur\'\' en sluit zidi geheel aan bjj de woorden van RkisixgKk : „es ersclieint zwar die Erregung des Gcbüractes hier nicht als oine wahre Früb-geburt, alloin da die nilmlichen ^littel der Kunst benützt werden, und da die Geburt stets vor dein Zeitpunkt hier veranlasst werden soli, welcher in dein individuellon Falie als das Ende der Schwangerschaft geiten muss, so dürfte dieser Vorschlag immer dor Lohre von der künstlichen Frühgeburt einverleibt werden.quot;

Soinmigon hebben Mai\'s raad ijverig gevolgd, o. a. Ritges die onder 20 waarnemingen zesmaal wegens partus serotinus de kunstbewerking had verricht\'-) Hoffmann :\') en Meissner ecliter verklaarden zicli op goede gronden tegen deze vermeerdering van indicaties.

Wij voor ons zijn van oordeel, dat er bij partus serotinus zeer zeker tlieorotliischo reden is om de baring kunstmatig te vervroegen. Edoch, hot onoverkomelijk bezwaar

\') Caki, Miu.i.ku. Über künstliche Frühgeburt Würzbuvg. 1887.

\'\') Dit verklaart ton ileele de gunstige statistiek van Kitoen. cf. pag. 47-

3) Neuo Zeitschrift für Geburtsk. Bd. XIV\'. 1848.

-ocr page 136-

126

blijft dat eon to Lange duur der zwangerschap niet met zekerheid is uit te maken Do sterke ontwikkeling van het kind bewijst zoo goed als niets cu de „rekeningquot; der vrouw is slechts bij benadering betrouwbaar. Wil men echter bij verniocdolijk groot kind en gesupponeerden te langen duur dor graviditoit kunstmatig de baring bewerken, dan kunnen wij ons zeer goed daarmee vereenigen, vooral, daar inderdaad enkele goed geconstateerde gevallen van partus serotinus zijn opgetookend \'), en te meer omdat de kunstmatig opgewekte baring eene nagenoeg onschuldige operatie is geworden.

Am,kei,igt; ) bewerkt hier: „die künstliche Anregung der Greburt\'\' d i verwekken van weeën in de laatste twee of drie weken der zwangerschap, hetwelk ook bij ziekten der moeder en zeer geringe bekkenvernauwing wordt toegepast

Wij veroorlooven ons ten slotte te waarschuwen tegen het al te lichtvaardig geloof hechten zelfs van do plechtigste verzekeringen der belanghebbenden. Reeds Baüdelocque heeft bij de bestrijding van den part. arte praem. hierop den nadruk gelegd en Meissner :i) illustreert aardig hot door ons verkondigde gevoelen: eene jonge, rijke, gehuwde vrouw te Leipzig, die volgens liet algemeen gerucht in ongeoorloofde verstandhouding leefde met oen zeer gevierd tooneelspeler, werd door Meissner forcipaal van eon flink ontwikkeld kind verlost. De echtgenoot der dame beweerde dat het een kind van elf maanden was. Toen Meisner ongeloovig het

\') Rigler, Monatschrift Bd. XXXI.

Berichte, u. Avbeiten. 1881/82, 3) Monatschrift Bd. XL 1858.

-ocr page 137-

127

hoofd schudde eu to kennen gaf dat dit niet voorkwam, voerde do man als onomstootelijk bewijs aan, dat hij voor negen maanden zieli reeds verscheidene weken in liet Imiteii-land had bevonden op eene reis, die ongeveer een half jaar duurde. De verloskundige betoone zich daarom eenigermato skeptisch, indien de wettige termijn voor den duur dor zwangerschap gesteld, bijna bereikt of zelfs overschreden is.

Ziekten der ziuangeren.

Van Engelsche zijde is in liet laatst der vorige eeuw de voorslag gedaan wegens ziekten der moeder, die haar leven in gevaar brengen, de baring in te leiden. Merhjman \') geeft de eer van dezen raad aan een „provincial surgeon of considerable eminence,quot; die wegens braken en bronchitis do baring zoude hebben verwekt. Naast of,quot; wil men, vóór dezen ongonoemden staat IIaighton, in weerwil van Rbi-singeh\'s -) wederlegging. De voorstelling, die hij van do zaak geeft, als zoude Haighton te zeer beducht zijn geweest voor bloeding, wordt geheel gelogenstraft door de woorden, die deze klaarblijkelijk betreffende derden ten beste geeft: „Tarnen mirandum illum timere haemorrhagiam, cum compertum sit, liane vix unquam in partu arte prae-maturo oriri (milium saltern hujus notura est exemplum)

Medico chirurgical Transactions. Vol. III. 1812. quot;) J)ie künstliche Frühgeburt. Augsb. uud Leipzig. 1819.

-ocr page 138-

128

et si oriatur faeilius certc et melius illam ferat aegvota priore tempore, quam cum morbo magis adhuc fuerit debi-litata.quot;

Het ware niet wel doenlijk al de kwalen en ziekten dei-zwangere te vermelden, wegens welke de baring kunstmatig is vervroegd Von Haarïman geeft o. a. bacmorrbagiae, eclampsiae, febres acutae, syncopeae frequontes, aspbyxiae presentes, apoplexiae imminentes, convulsiones discriminis plenae, prolapsus uteri, rupturae et laesiones ejusdem gra-viores, vomitus cruentus, atque criteria putredinis foetus, certa perieuli plena.quot; In bet Centralblatt van 1886 deelt lïxwtiE mede dat bij wegens eene litteekenstenose der vagina part arte praem verwekte, met ongelukkigen afloop voor bet kind. Sünger te Leipzig provoceerde de baring wegens leukaemia lienalis \'). Ook om andere minder veelvuldig voorkomende of zonderlinge indicaties is vaak geopereerd. quot;Wij zullen slecbts enkele der meest voorkomende ziekten meer van naderbij in oogenscbouw nemen.

a. P b t b i s i s pul m o n u m.

Met eerst vinden wij door Kelsch pbtbisis tuberculosa als aanwijzing tot part arte praem. aangeven, indien n.1-bot einde der vrouw spoedig wordt verwacht.

Ongeveer in gelijken geest oordeelt Harras -). Ecbter komt bij tot een gebeel ander resultaat:

„Denique prorsus postbabenda est operatie in tali praeg-nantis morbo qualis per graviditatem cobiberi et intermitti

•) Do partu per paracenthesin ovi terapestive eliciendo. Berol. 1819. \'■\'} Archiv f. Gyn. Bd. XXXILI.

-ocr page 139-

129

solet, deinde vcro vehementius exardescere v. c. in phthisi pulmonaliquot;. Dat plithisis in de zwangerschap tot stilstand zoude komen, kon Barxes niet bespeuren; alleen was de graviditeit van minder schadelijken invloed op het ziekteproces dan baring en kraambed. Bovendien blijkt dat de moeder soms nog maanden lang leeft, indien men wegens vrees voor den naderenden dood de baring kunstmatig heeft vervroegd Terecht zegt hij: „the decision in such cases is both perplexing and painfull.quot;

Par Lus arte praemalurus om sectio caesar ea post mortem te voorkomen.

De eerste aansporing om bij vrouwen, wier einde zeer imminent wordt geacht, voornamelijk phthisicae, de baring kunstmatig te vervroegen, kwam van d\'Oütrepont, die bij sectio caesarea post mortem steeds negatieve resultaten had verkregen. Hiermede geheel overeenstemmend was de mode-deeling van Keimiardt in 1829, dat de operatie, door de Lex liegia voorgeschreven, slechts kans op levensbehoud gaf, indien de vrouw door eene plotseling werkende oorzaak gedood was.

Gedurende eene halve eeuw bleef deze aanwijzing geheel rusten, alleen in herinnering gebracht door Hoffmann om er zich tegen te verklaren. In 1870 bracht Stehberger \') te Mannheim deze zaak opnieuw te berde. Hij wil part. arte praem. ter: „Rettung der Kinder bei schweren Krank-

\') Archiv f. Gyn. Bd. I.

9

-ocr page 140-

128

et si oriatur facilius ccvto ot melius illam ferat aegrota priore tempore, quam cum morbo magis adhuc fuerit debi-litata.quot;

Ifet ware niet wel doenlijk al de kwalen en ziekten der zwangere te vermelden, wegens welke de baring kunstmatig is vervroegd Vox ITaaktman geeft o. a. haomorrhagiae, eclampsiae, febres acutae, syncopeae frequentes, asphyxiae proBentcs, apoplexiae imminentes, convulsiones discriminis plonae, prolapsus uteri, rupturae et laesiones ejusdem gra-viores, vomitus cruentus, atque criteria putredinis foetus, certa perienli plena.quot; In liet Centralblatt van 188G deelt Rcnge mode dat hij wegens eene litteckenstenose der vagina part arte praem verwekte, met ongelukkigen afloop voor liet kind. Sünger te Leipzig provoceerde de baring wegens leukaemia lienalis \'). Ook om andere minder veelvuldig voorkomende of zonderlinge indicaties is vaak geopereerd. Wij zullen slechts enkele der meest voorkomende ziekten meer van naderbij in oogenschouw nemen.

a. Phthisis puim on um.

Het eerst vinden wij door Kelscii phthisis tuberculosa als aanwijzing tot part. arte praem. aangeven, indien n.1-het einde der vrouw spoedig wordt verwacht.

Ongeveer in gelijken geest oordeelt ITarras -). Echter komt hij tot oen geheel ander resultaat:

„ Donique prorsus posthabenda est operatie in tali praeg-nantis morbo qualis per graviditatem cohiberi et intermitti

\') De parfcu por paracenthesin ovi tempestive oliciendo. Berol. 1819.

2) Archiv f\'. Gyn. Bd. XXXIU.

-ocr page 141-

129

solet, deinde vero vehementius exardescere v. c. in phthisi pulmonaliquot;. Dat plithisis in de zwangerschap tot stilstand zonde komen, kon Barxes niet bespeuren; alleen was de graviditeit van minder schadelijken invloed op het ziekteproces dan baring en kraambed. Bovendien blijkt dat de moeder soms nog maanden lang leeft, indien men wegens vrees voor don naderenden dood de baring kunstmatig heeft vervroegd Terecht zegt hij: „the decision in such cases is both perplexing and painfull.quot;

Partus arte praemalurus om sectio caesarea post mortem te voorkomen.

De eerste aansporing om bij vrouwen, wier einde zeer imminent wordt geacht, voornamelijk phthisicae, de baring-kunstmatig te vervroegen, kwam van d\'Oütrepont, die bij sectio caesarea post mortem steeds negatieve resultaten had verkregen. Hiermede geheel overeenstemmend was de mode-deeling van Reixiiardt in 1829, dat de operatie, door de Lex Regia voorgeschreven, slechts kans op levensbehoud gaf, indien de vrouw door eene plotseling werkende oorzaak gedood was.

Gedurende eene halve eeuw bleef deze aanwijzing geheel rusten, alleen in herinnering gebracht door Hoffmann om er zich tegen te verklaren. In 1870 bracht Stehberger \') te Mannheim deze zaak opnieuw te berde. Hij wil part. arte praem. ter: „Rettung der Kinder bei schweren Krank-

\') Archiv f. Gyn. Bd. I.

9

-ocr page 142-

130

hciton der Mütter, niicli wenn diose hoffnungslos sind und zu befürcliten stolit, dnss der ïot noch vor der Niederkunft eintreten würdo; kurz als Umgehungsmittel des Kaiser-schnittos an der Leicho als möglichen Ersatz der Lex Eegiaquot;. Tevens dood Inj verslag van twee met goeden uitslag bekroonde waarnemingen

Al spoedig werd do vernieuwde indicatie door Lkopold gt;), Koppk 2) e. a. zeer aanbevolen Pfannkücii :i) rechtvaardigde zjjno ingenomenheid mot dezen voorslag door eeno statistiek van 205 sectiones caesareae post mortem, die in dertig-jaren tijds in Hessen waren verricht Door al deze operatics was geen enkel kind gered. Gelijktijdig mot Steuf,erger behoort Vat,enta te werden genoemd In zijn vroeger aangehaald boekje van 1871 betoogt hij de groote noodzakelijkheid der ons hier bezighoudende aanwijzing en voegt er twee gevallen aan toe, die bij vroeger bad behandeld. Uit de protocollen blijkt dat deze beide reeds den 23sten Juni 18G0 en den 5den Januari 18G2 behandeld waren In het eerste geval werd de patiente, eene phthisica, in agone binnengebracht. Men besloot onmiddellijk na den dood de keizersnede bij haar te verrichten, maar: „indessen alles zur Sectio caesarea beroit gemacht wurde, ward, nach-dem das Leben des Kindes constatirt war, in Erwagung gezogen, ob nicht etwa die Greburt anf eine schmerzlose quot;Weise doch so boscblennigt werden könnte, dass der Austritt

\') Archiv f. Gyn. Bil. XIV. ■) CentralblaU f\'. Gyn. 1887. ^ Archiv f. Gyn. Bd. VII.

-ocr page 143-

131

des Kinrles möglicherweise nocli vor riem Todc der Matter auf den natürliclien Geburtswegen erfolgen würdequot;. Valeïtta kan dus ook zijn goed reclit doen gelden op een deol van do eer der uitvinding, die nü alleen ann Stehberger wordt toegekend Beiden hebben evenwel te bedenken dat d Oütrepont lion lang voor was.

Wij gelooven dat de hier ontwikkelde aanwijzing metterdaad in sommige gevallen van kracht zal zijn. Ook wij zijn van oordeel dat hot voor do naastbestaanden der pas ontslapene eene hoogst pijnlijke zaak is, sectio caesarea te moeten toestaan bij de geliefde doode, terwijl in andere gevallen veeltijds de vermeerdering van hot gezin op zoo ongewone wijze, door allerlei omstandigheden niet gewenscht wordt.

Aan don anderen kant bedenke men evenwel, dat de vermagerde, goliool uitgeputte teringlijderes, die door den decubitus bij de minste aanraking overal pijn gevoelt, toch wel niet het aanlokkelijke beeld is, dat ons eene operatie, die ad libitum is van den geneesheer, doet verkiezen boven eone, waartoe zooal niet do wet, dan toch zeker zijn geweten hem verplicht \').

E cl a rn p s i e.

Deze aandoening zal slechts weinig de oorzaak tot het opwekken van vroegtijdige baring kunnen zijn. Immers volgens Schroeder komt op elke vijfhonderd verlossingen één geval van eclampsie voor, verder zijn er driemaal

\') Art 450. Wetb. van Strafreclit is hierop niet van toepassing.

-ocr page 144-

132

stuipen tijdens de baring tegenover één keer, waar zij in de zwangerschap reeds optreden. Bij Cariis en Velpeau vindt men de eelampsie het eerst als aanwijzing gesteld.

Themmen adviseerde reeds in 1825 bij „stuiptrekkingenquot; de baring op te wekken. Barnes verklaarde er zich niet onbepaald voor, daar liij, ondanks de kunstbewerking, toch dikwijls den dood der moeder te betreuren had. Sommigen stelden voor bij verschijnselen van zwangerschapsnier als pro-phylactisch middel de baring in gang te brengen Sciiroeder deed hot in zijn laatsten tijd nog vier raaien, waarbij in drie gevallen reeds convulsies waren geweest. Velen zijn er tegen, onder die omstandigheden baring te provoceeren, daar men noodeloos den uterus prikkelt cn nieuwe aanvallen te voorschijn roept. Bovendien heeft Barker er op gewezen 1), dat slechts in één der veertien keeren gravidae met eiwit in de urine eelampsie krijgen

Alle theoriën, die over de eelampsie gegeven zijn, buiten bespreking latende, meenen wij, dat verschijnselen, die op eene stoornis in de werkzaamheden der nieren wijzen, met zorg moeten bewaakt en zooveel mogelijk met diae-tetische en therapeutische middelen bestreden. Treedt ondanks die voorzorgen de eelampsie toch op, dan zal in bepaalde gevallen de opwekking van part. arte praem. o. i. liefst door vliessteek noodig zijn.

\') Centralblatt f. Gyn. 1878.

-ocr page 145-

133

IIU pare mem gravidarum.

In vroegere tijden was do hyperomesis gravidarum vcol moor dan thans do roden, waarom verloskundigen de baring kunstmatig vervroegden. Men hooft echter loeren inzien dat medicamenten, doelmatig diöet, rust on desnoods voeding por anum, in vele gevallen den toestand der zwangere dragelijk kunnen maken, zoo al niet de kwaal genezen. Do oorzaak van hot hardnekkig braken is nog niot voldoende opgehelderd. Meestal vat men hot op als rofloctoir verschijnsel van don prikkel, door do sterke uitzetting van don uterus veroorzaakt; vandaar dat juist bij hydramnios en gemelli hot verschijnsel zou optreden Graily Hewitt heeft in 1884 op antofloxio uteri gravidi (vooral in de eerste maanden) als causa morbi gewezen 1). Roods in 1852 zou Stoltz te Straatsburg dit hebben opgemerkt. Hewitt verklaart de braking \'s morgens bij het opstaan uit do antofloxio, die zich vertoont, wanneer do zwangere hare horizontale rugligging verlaat. Verder zoude in 20% dor gevallen niot antofloxio, maar retrofloxio uteri gravidi do aanleiding tot het braken zijn.

Do medodooling van Hewitt verdient zeer de aandacht. Ook al blijkt do liggingsverandoring der zwangere baarmoeder niet de eenige oorzaak te zijn, toch zal men in gevallen van hardnekkig braken wèl doen or aan te denkon. Waar nu echter allo middelen to vergeefs zijn beproefd, daar hooft men het recht de toevlucht te nemen tot hot verwekken van vroegtijdige baring.

\') Obstetrical Transactions. Vol. XXVI.

-ocr page 146-

134

Nephritis is reeds vroeger door Meissner en in de laatste jaren wederom door Fehling als aanwijzing opgegeven. In 1885 toonde hij aan, dat de nephritis der moeder in vele quot;■evallon do oorzaak is van habituoeleu intrauterinen dood.

o

Löiilein \') volgde een jaar later met de opmerking, dat deze nephritis door do oedemen, eclampsie en door den vermoedelijken overgang van acute in chronische nieront-stcking gevaarlijk kon worden.

De uieraandoening als zoodanig zoude ons niet licht doen besluiten part. arte praem te provoceeren. quot;Wel kan echter aanzienlijke hydrops voor ons eene indicatie worden om de baring kunstmatig te vervroegen, gelijk het eerst door von SiEiiOLD den 2den Juni 1822 is gedaan.

Vilia cofdis.

Kelsch en na hem Cosïa hebben de aandoeningen van hart en bloedvaten onder do indicaties tot deze kunstbewerking opgenomen. Do ervaring is algemeen dat zwangerschap, baring en kraambed zeer verderfelijk zijn voor vrouwen met hartgebreken.

Spiegelberg \'■\') en ook Hecker beschouwden de vermeerdering van arbeid voor het hart door de placentaire circulatie noodig geworden, met de consecutieve hypertrophie als de hoofdzaak daarvan.

\') Ccntralblatt für Gyn. 1886. 2) Centralblatt für Gyn. 1886.

-ocr page 147-

135

Eerstgenoemde herinnert er verder aan dat post partuin de bloedsdrukking in de aorta daalt, daarentegen in de venae en in den thorax toeneemt, omdat zoovele vaten plotseling gesloten worden en de thorax beter aspireert. Fkitsch acht juist de verlaging van de drukking post partum verderfelijk. Löiilein schrijft liet gevaar toe aan de zuigkracht van den thorax, daar hot hart het bloed niet kan verwerken, waardoor oedema pulmonum onvermijdelijk is. Ten slotte vestigt Lebekt \') de aandacht op de destructieve endocarditis en endarteriitis, die post partum niet zelden volgen.

Interventie van den medicus is in al deze gevallen zeer noodig. Hij trachte het hart te toniseeren, waar een niet gecompenseerd vitium cordis aanwezig is. Overigens kan part. arte praem. hier wel degelijk noodzakelijk zijn. Men heeft daarbij evenwel in het oog te houden, dut het een laatste redmiddel van twijfelachtige werking en onzeker resultaat is.

Chorea gravidarum.

Een zeer gevaarlijke vorm van chorea is die, welke inde zwangerschap meestal bij eerstbarenden optreedt. Olshausen -) heeft berekend dat een derde der aan chorea lijdende gra-vidae sterven. Gelukkig komt deze ernstige ziekte zeer zelden in de zwangerschap voor, zooals blijkt uit de sta-

\') Archiv für Gyn. Bd. IF.

\') Klinische Bcitriige zur Gyniic. u. Geburtsk. 1884.

-ocr page 148-

13G

tistick, die in 1873, volgens Fehling, slechts 68 gevallen aanwees \'). De meeste gegevens hebben wij aan Barnes3) te danken, die alleen eene reeks van 56 waarnemingen bekend maakt en den raad geeft, eerst wanneer de chorea hevig is en stoornis in den geest veroorzaakt, part. arte praem. op te wekken, daar meestal na de baring beterschap optreedt.

Met dezen raad kunnen wij ons zeer goed vereenigen, zelfs ook in die gevallen, waarin de aanraking der genitalia interna do aanvallen doet vermeerderen, zooals door Feiilixg waargenomen zou zijn. Niet zelden treedt echter do vroegtijdige baring van zelf op.

Acute infectieziekten.

Door Kei.sen werd bij acute ziekten, voornamelijk der borst-organen, verlichting verwacht van het provoceeren der vroegtijdige baring. Hij vraagt: „Nonne vero etiam matri inde parari potorit salus ? Nonne pressu ex utero extenso ad diaphragma sublato melius feret aegrota morbum , ac nonne spes quaedam sanationis huic inerit artificioquot;. Anderen, waaronder Meissner, wenschen dit ook wel, doch met bet voorbehoud dat de ziekte door de zwangerschap verergerd of ten minste bestendigd worde.

Later begon men voor bepaalde aandoeningen eene beperking te maken. Zoo ontraadt KLEiNWacHTER den part.

1) Archiv. f. Gyn. Bd. III.

Obstetr. Transactions. Vol XIII.

-ocr page 149-

1B7

arte praem. hij pneumonie, aangezien men wel ile respiratie vrijer maakt, maar tevens gevaar voor long-oedema doet ontstaan.

De ondervinding stelt hem schijnbaar in het gelijk; immers bij spontane bevalling van pnelimonicae waren er 143/l0o/o en bij part. arte praem. 71\'/,,% sterfgevallen. Men moet echter bij het beoordeelen dezer cijfers in het oog houden dat juist de gevallen van pneumonie, waarbij part. arte praem. werd noodig geacht, de ernstigste zijn.

Robert Boxall \') heeft in hot vorige jaar uitvoerige onderzoekingen verricht betreffende scarlatina bij zwangeren, hierbij deze ter dege vau febris puerperalis onderscheidende, welke geheel hetzelfde beloop kan nemen als roodvonk. Volgens hem treedt scarlatina meestal in de eerste dagen van het kraambed op en zeer zelden in de zwangerschap kort voor het normale einde.

Over mazelen gaf Klotz eene studie in het licht, waaruit blijkt dat in de helft der gevallen do vrucht in utero wordt aangetast. Meestal treedt bij hot uitbreken van het exanthema part. praem. op door eene acute endometritis. Deze ontsteking wordt veroorzaakt door eene eruptie van mazelen, die zich eveneens in de vagina vertoont2).

Men kan het boven vermelde kortelijk dus saainvatten: In de meeste gevallen treedt de baring spontaan op, in andere is echter tusschcnkomt van de kunst dringend noodzakelijk

\') Obstetr. Transactions. Vol. XXX. Archiv f. Gyn. Bd. XXTX.

-ocr page 150-

138

Over tegenaanwijzingou kuiuion wij kort zijn. Bijna allo indicaties zijn aelitereenvolgens door bestrijders in contra-indicaties veranderd. De beste daaronder is wel van Kelscu „de tempore graviditatis nihil certiquot;. Bepaalde tegenaan-wijzingen liebben wij niet. Do gevallen, waarin de operatie ons onnoodig toeschijnt, of beter door eene andere kunstbewerking is te vervangen, zijn reeds voor een deel bij do aanwijzingen vermeld.

Voorspelliiicj.

a. Voor de moeder.

Bij de bespreking der verschillende methoden is nu eu dan gewezen op de kansen, die deze voor de moeder aanbieden. Behalve deze prognose en behalve die, welke afhankelijk is van de aanwijzing tot de operatie, bestaat er nog eene voorspelling der kunstbewerking in liet algemeen. Deze is onbepaald gunstig te nemen.

Vroeger verkeerde het leven der moeder niet zelden in gevaar door de koortsen, die in den vóór-antiseptischen tijd ook op den part. arte praem. volgden. Thans echter, nu men weet dat deze koorts gevolg is eener infectie van buiten aangebracht, hebben wij in strenge antisepsis het middel in de hand om de operatie zelf volkomen onschuldig te maken.

Om te doen zien welke verklaring men vroeger daarvan gaf, citeeren wij hetgeen d\'Oütrepout \') in 1822 hieromtrent

\') c.f. pag. 59.

-ocr page 151-

139

te berde bracht: „Ich selie es als eiu Entwicklungsficbor an, als deu Kampf uud den Ausdruek dos Ueborgangs des Bildungstriebes aus einer Spliaro iu die andere. Es ist wahrscheiulich dass der plötzliclie Uebergang der Bildungs-tbatigkeit aus der Geschleebtsspliare in die individuelle Sphare dein Lebeu des Kindes gefahrlich sein mussquot;.

De Engelschman Gooch \') (1784—1830) vat hot als eono „nervous irritationquot; op: „great disturbance in the nervous system is produced by it; severe rigors, rapid pulse and delirium are the occasional consequonces; but these symptoms proceeding from nervous irritation do not continue long enough to produce any serious consequencesquot;.

Voor ons is het alleen van belaag te weten, dat slculits door strenge handhaving dor antisepsis de voorspelling voor de moeder gunstig mag heeten. Treden dus tijdens de baring of in hot kraambed koortsen op, dan zal men wel doen in do eerste plaats zich zelf daarvan als do oorzaak te beschouwen; eerst daarna komen do theorieën over malaria, zelfmfoctio etc. aan de beurt.

b. Voor het kind.

Ook hier weder moet de prognose, die afhankelijk is van de methode en indicatie, buiten beschouwing blijven, liet is immers duidelijk dat do omstandigheden voor het kind veel gunstiger zijn, indien men wegens matige bekken-

\'/ Fleetwooil Ghurchill. Researches on operative Midwifery. Dublin. 1841

-ocr page 152-

140

vcrnatnving bij ccnc gezonde zwangere in do 36sto wook do baring in gang brengt, dan wannoor men bij eono vrouw, die acuut ziek is, om haar eenig solaas te geven, reeds in de 30ste week moet opereeren.

Ter loops zij bier vermeld dat verhoogde temperatuur voor liet kind dikwijls doodelijk is; hierop werd door Mer-riman, Rükge 1), Doléris c, a. de aandacht gevestigd.

De prognose hangt in de eerste plaats af van den graad van ontwikkeling der vrucht, op het oogenblik, dat zij door de weeën wordt uitgedreven.

Algemeen is aangenomen dat een kind van 7 maanden

o o

levensvatbaar is. Evenwel vindt men berichten opgeteekend omtrent kinderen, die de 7 maanden nog niet hadden bereikt en toch korter of langer tijd bleven loven Zoo betoogt reeds van Swieten -) (1700—1772); „neque etiam immaturos foetus certo perire dobere constat exemplo For-tunii Liceti, cujus mater gravida succussibus in molosto itinere et gravis tempestatis terrore abortum passa fuit, crodens se non multum a septimo graviditatis menseabesse: recens natus non superabat palmae manus magnitudinem. Pater Medicus tarnen non desperabat de conservando filio et tenerum corpusculum fovit in furno tepido simili artificio ac Aegyptii ova tractare solent, ut absque incubatu Gal-linac pulli excludantur; nutricem, instruxit qnomodo alere deberet tenellum et sollicitudinis suae praemium hoe nactus fuit, ut non tantum adolesceret, sed multis operibus eruditis

\') Archiv f. Gyn BJ. XII.

2) Geiiarui L. B. \\an Swieten. Commentaria in HermakniBoerhaave Aphorismos. Lugduni Batavoium. 1764. § 1309.

-ocr page 153-

141

clarus octogesimum fere aetatis annum attingcret, chim morereturquot;. Dc bekende William Hüitter (1718—1783) leerde dat kinderen, vóór de 7 maanden geboren, dadelijk sterven. Hij had echter ook cene uitzondering op dezen regel gezien, zooals ons zijn leerling \') verhaald: „Indeed once Dr. Hunter knew a child born at six months and a half, that lived fourteen months but it was a puny frightful object.quot; Reeds Hunter had eene berekening tot het bepalen van het vermoedelijk einde der zwangerschap, zooals tegenwoordig algemeen wordt gebruikt. Hij: „reckoned always three months back from the time, the woman was Inst regular; allowing one fortnight after the Menses for conceptionquot;.

Zelfs wierp een zekere Hazenest 1) — op welke gronden is ons onbekend — do vraag op, of een kind van 4 maanden niet levensvatbaar was; nader hierover in de Acta modieo-physico-forensia collegii Onoldini 1763 1769. Bd. IV.

Verder deelt Ahlfeld verschillende gevallen mode van immature vruchten, die eenigen tijd bleven leven

Tarnier2) eindelijk heeft in de laatste jaren door ruim gebruik van couveuse en voeding door de sonde (gavage) 30% van dc kinderen, die in de 26ste week geboren worden, in het leven gehouden.

In het algemeen is het wenschelijk tusschen do 32stc om 34ste week de baarmoeder tot uitdrijven te prikkelen. Op

1

) Archiv f. Gyn. Bd. 8.

2

) P. Bebthod. La couveuse et le gavage. 1887.

-ocr page 154-

142

dit tijdstip hebben do vruchten reeds een voldoend \'weerstandsvermogen om buiten de baarmoeder te kunnen blijven loven, indien namelijk de omstandigheden, waaronder de vroeggeborenen verkeeren, eenigermate gunstig zijn.

Den graad van ontwikkeling bepaalt men uit de lengte van bet kind, de grootte van den schedel, de ontwikkeling van haren en nagels enz. Een geheel bijzonder criterium hoeft Aulfeld. Hij legt het kind met den buik op do vlakke linkerhand en geeft dan met de rechter een flinken slag op de billen. Is het kind voldragen, dan volgt onmiddellijk depositio meconii. Is het kind praematuur of immatuur, dan volgt deze eerst later of in hot geheel niet In vele gevallen mislukte deze proefneming, zoodat Atilfeld zelf er weinig waarde nan hecht. Het komt ons eon bij uitstek ongeschikt experiment voor; immers het is volstrekt niet onmogelijk dat men op die wijze de lever verscheurt en daardoor het kind ombrengt. AV ij zouden daarom willen voorslaan dergelijke middeleeuwsche diagnostische hulpmiddelen achterwege te laten, ze in ieder geval niet te beproeven, zooals Ahlfbld dat deed, uit „Spasz.quot;

Do relatief groote sterfte onder te vroeg geborenen wordt aan verschillende oorzaken toegeschreven.

Muller 1) te Moskau heeft aan de hand eoner zeer groote statistiek betoogd, dat de pracmature kinderen te veel warmte afgeven Het oppervlak is relatief groot en de slecht geleidende vetlaag ontbreekt. Kunstmatige warmte brengt de temperatuur niet boven 35° C (?). Acute ziekten

\') (Jentralblatt f. (iyn. 1885.

-ocr page 155-

143

lioWbon een koortsvrij beloop, en pneumonieën door verslikking zijn frequent.

Men verlieze bij deze ongunstige beschouwingen niet uit liet oog, dat Müller zijne ervaring lieoft opgedaan in liet vondelingen-gesticht te Moskau. Gelijk de dagbladen ons niot lang geleden meldden, worden soms meerdere wiclitjes, als vrachtgoed in een mand bijeengepakt, per spoor daar-lieen verzonden.

Little \') zag bij praematuur geborenen vaak achterlijkheid in verstand en vrij frequent „spastic rigidity of limbsquot;, paralysen, en coördinatie-stoornissen.

Van het grootste gewicht is de zorg, die aan de jonggeborene wordt besteed. Reinheid, doelmatig voedsel en gelijkmatige, niet gedurig wisselende temperatuur zijn do hoofdfactoren.

Aan het eerste kan men voldoen door warme baden, waarbij men evenwel do temperatuur niet te hoog moet nemen, wijl, zoo als uit de ervaring schijnt te blijken, de praedis-positie om tetanus te verkrijgen daardoor verhoogd wordt

De moedermelk moet als de doelmatigste voeding worden beschouwd; bij onstenteuis van zoogende moeder of min kan men behoorlijk verdunde, gekookte koemelk aanwendon. Ook een proef met de onlangs in den handel gebrachte gesteriliseerde melk is zeer aan te bevelen.

Wanneer de jonggeborene te zwak is om goed te slikken, is hot direct brengen van voedsel in de maag door middel van een katheter van Nelaton, waarop een trechtertje is

\') Obstetv. Transactions. Vol- III.

-ocr page 156-

144

vastgemaakt, oen gemakkelijk aan te wenden middel, dat uitstekende resultaten geeft \').

Gelijkmatige warmte, waarbij ongewensclite plotselinge afkoeling voorkomen wordt, vindt men in de broedstoven

o 7

of couveuses. In hoofdzaak zijn bet bakken met dubbele wanden en van een stof vervaardigd, die de warmte slecbt geleidt. Het kind ligt in watten of wol gepakt, terwijl een thermometer aanwijst, hoe hoog de temperatuur is. die bet gemakkelijkst door met kokend water gevulde kruiken op de gewenschte hoogte wordt gehouden. Zoodanige broedstoven , reeds in minder praktische gedaante sinds 25 jaren door Credé 2) aangewend, zijn sinds 1880 door Tarxier in doelmatiger vorm gebracht.

Hier moge ook nog voor de laatste maal Schxacken-berg\'s naam worden genoemd. In zijn meermalen aangehaald artikel in Siebold\'s Journal drukt hij de hoop uit, dat de prognose der praemature kinderen beter zal worden: „Viel besser wird es jedoch noch werden, wenn, sit venia verbo, ein Ausbrütungs-Apparat für die jungen quot;VVeltbürger componirt und gebrauchlich seyn wird \').quot; Voor korte jaren heeft Eröss \'\') te Buda-Pesth er op gewezen, dat z. i niet alle kinderen, die vroegtijdig het levenslicht zien, in eene couveuse moeten verzorgd worden. In niet weinige gevallen zon hij namelijk gezien hebben, dat do

\') Cf. pag 141.

\'2) Avchiv f. Gyn. Bd. 24.

3) Vevgel. ook pag. 140. van Swietek.

\') Archiv f Gyn. Bd. 17.

-ocr page 157-

145

temperatuur eer te hoog dan subnormaal was. Daarom wil hij dat men bij het gebruik der couveuses oordeelkundig te werk ga.

Vat men alles te zamen, dan mag de voorspelling voor de moeder bijna absoluut gunstig worden gesteld; terwijl voor het kind bij doelmatige verzorging en voeding 70 tot 80°/, kans op levensbehoud bestaat.

Deze cijfers bewijzen dat de kunstbewerking niet alleen verricht mag worden met eenige hoop op succes, doch dat zij moet worden ter hand genomen in daarvoor geschikte gevallen

De kunstmatig vervroegde, natuurlijke baring heeft, eer zij algemeene waardeering vond, nog 20 jaren geleden een geduchten aanval te verduren gehad. Spiegelberg \') bond den strijd aan met het betoog, dat men al te veel part. arte praem. provoceerde en daarbij de voorspelling veel te gunstig nam, door te vergelijken met kunstbewerkingen, die voor deze in de plaats zouden moeten treden. Hij toonde uit eene reeks van 307 baringen bij vernauwd bekken aan, dat afwachten voor moeder en kind beiden beter was dan het verwekken der baring. Bij afwachten toch bleven 947.gt;% der moeders en 648/l0c/o der kinderen behouden, terwijl dit bij geprovoceerde baring 934/I0 en 628/l0o/o was.

Dit artikel vond wel veel bijval, maar bleef toch ook gelukkig niet weersproken. Nog in hetzelfde jaar publiceerde

]) Arclaiv f. Gyn. Bd I.

10

-ocr page 158-

146

Stadfeldt\') eene beredeneerde statistiek, waarin hij wijst op liet onbetrouwbare eener vergelijking en masse. Men kan slechts door elk geval afzonderlijk te beschouwen een goed oordeel vellen en dan blijkt, dat bij ongeveer even sterk vernauwde bekkens de part. arte praem. staat met 25% mortaliteit voor de kinderen, terwijl dit voor de baring, die niet wordt geinduceerd 74% is.

Litzmann \'■) volgde in 1872 met dezelfde bezwaren tegen de wijze, waarop Spiegeliïerg zijne cijfers had verkregen. Litzmann splitst de vernauwde bekkens in 4 klassen en vergelijkt nu in elke klasse den uitslag der spontane en der vroegtijdig verwekte baring. TTij komt tot de slotsom, dat voor do moeders de part. arte praem. veel gunstiger was dan liet afwachten van het einde der zwangerschap. Voor de kinderen bevond hij echter do vervroegde baring nadeeligcr dan de spontane.

De beste beschouwing werd door Dohrn 1) geleverd. Hij toonde aan dat Spiegelherg en in geringere mate ook Litzmann ongelijksoortige grootheden met elkander vergeleken. Alleen door na te gaan, welk gevolg de spontane en vroegtijdige baring bij éene zelfde vrouw had, kon men tot eenig resultaat komen. Dorhn bevond dan steeds, dat de kunstmatige vervroegde baring het in elk opzicht won van die, waarbij men in afwachten zijn heil zocht. De uitkomst \') was in eene reeks van 56 waarnemingen in de

1

) Samml. Klin. Vortrage. Door]. N0. 90

-ocr page 159-

147

laatste jaren, in cijfers uitgedrukt voor de kinderen aldus; bij part. arte praem. 66% in leven, bij spontane baring 18\'/.% Een paar jaren na Doiirn\'s verhandeling wijzigde Spiegelberg zijne meening grootelijks. En thans zou geen enkel verstandig obstetricator den partus arte praematurus uit de lijst der nuttige en noodzakelijke verloskundige kunstbewerkingen willen schrappen.

Relatieve hekkenmeling naar Müller.

Men zal zich uit het historisch overzicht herinneren, dat het groote bezwaar dor tegenstanders steeds de gebrekkige kennis gold, die men van de grootte van het kind in de baarmoeder kon verkrijgen. Tot voor korte jaren bleef dit bezwaar bestaan. Men kon weliswaar de ruimte van het bekken vrij juist schatten, ook kon men aan do hand van Ahlfeld\'s voorschrift\') beproeven de lengte en daardoor ook tennaastenbij den schedelomvang te bepalen, de juiste verhouding evenwel tusschen bekken en kind bleef onbekend, ook zelfs wanneer men wil aannemen dat Ahlfeld\'s metingen betrouwbare resultaten gaven.

Op de 58ste Versammlung Deutscher Naturforscher und Aerzte te Straatsburg werd door P. Müller te Bern oen middel aan de hand gedaan, om die verhouding te bepalen. Uit het verslag citeeren wij: „er verfahrt dabei derart, dass er zuerst den Halstheil und die Hinterhauptsgegend

\') Archiv f. Gyn. Bd. II.

-ocr page 160-

148

des Foetus durch Palpation vou aussen aufsucht, was unschwer gelingt. Daun drückt er den ungefiihr in die Mittellinie eingestellten Kopf, hauptsaclilicli vom Hinter-liaupt lier, allmalilig in der Riclitung der Beckenaxe in den Beckenkanal herein Er übergiebt denselben dann belmfs Fixation von aussen einem Assistenten und kon-trollirt selbst von der Vagina aus, ob der Kopf wirklich tiefer tritt, ob er das Promontorium passirt, oder ob nur eine Rotation desselben Statt finclet. Sind erlicbliclie Hindernisse vorbandon, so lasst sicb leiebt constatiren, wie er mit der gröszten Peripherie über dem Becken steben blcibt, ja sogar die Gegeild oberbalb der Symphysc bervor-wölbt. Muller last in Fiillen, in welcben die künstliebe Frübgeburt indicirt erscbeint, alle 8 bis 10 Tage in dor gescbilderten Weise Einstellungsversuehe vornebmen und sebreitet dann zur Einleitung des Partus praematurus, wenn sicli der Kopf eben noch in das Becken drücken lasstquot;.

Brühl \'), de assistent van Muller, deelt ons hieromtrent het een en ander nader mede. In Oct. 1883 werd door Carrard , toenmalig assistent, op bevel van Müller , met de relatieve bekkenmeting eene proef genomen. Door lange reeksen van waarnemingen werd bet volgende vastgesteld.

Ie. Het hoofd staat op den bekkenbodem als boven de symphysis niets meer er van te voelen is.

2e. Het staat in \'t midden van hot bekken, wanneer de grootste omvang door den bekkeningang heen is en nog het onderste derde deel boven de symphysis uitsteekt.

\') Archiv f\'. Gyn. Bd. 16.

-ocr page 161-

149

3«. In don bekkeningang staat de schedel, als een kleiner stuk is ingetreden en hot grootero hoven do symphysis is te voelen

Verder is gebleken.

le. Hot is voldoende voor oene goede prognose der haring-wanneer de grootste helft van don schedel in het bekken is te duwen, daar dan het breedste gedeelte door den ingang heen is.

2e. Bij normale bekkens is or bij primiparao frequenter indalen van het hoofd dan bij multiparae.

3e. Bij vernauwde bekkens kan de schedel niet zoo dikwijls (27 %) voor meer dan de helft ingedreven worden als bij normale (86.8 %).

4e. Bij toenomenden groei van hot hoofd wordt demdruk-baarheid minder.

5e. Laat de schedel zich ook maar bijna half indrukken, dan is bij goede weeën de spontane baring te verwachten. Eeno geringere indrukbaarheid wijst niet per se op kunsthulp on bij twijfel mag men zijne prognose ad bonum vergens stellen.

Do uterus toch kan veel grooter kracht ontwikkelen en die veel doelmatiger aanwenden, dan de handen die van buiten door den buikwand moeten drukken.

De relatieve bekkenmeting is voor de verloskunde van groote waarde. Behalve do gegevens over den duur der zwangerschap, over de grootte van het kind en de ruimte van het bekken, kent men nu bovendien nog de verhouding, die op een bepaald oogenblik tusschen kinderschedel en bekken bestaat en heeft het dus in zijne hand, ongeveer op het juiste tijdstip de baring te doen aanvangen.

-ocr page 162-

150

Natuurlijk zal liot ook somtijds zijne bezwaren hebben de handelwijze van Müller te volgen.

Bij Iparae, met strakken buikwand en bij vrouwen met dikken panniculus adiposus zal men allicht eenigen hinder ondervinden. Ook zal eene andere ligging van hot kind, dan mot den schedel voor, het geval eenigszins lastiger maken. Behoudens deze en misschien nog andere moeilijkheden levert do relatieve bekkenmeting voor eenigszins ge-oefendon zonder veel bezwaren een goed resultaat.

Het heeft de bevreemding van Brühl gewekt, dat men zulk eene eenvoudige handelwijze niet eerder heeft beproefd. Men vindt er evenwel meer van vermeld, dan hij schijnt te weten.

IIofmeyer drukte omstreeks 1880 don schedel in het bekken waar de weeën daartoe te zwak waren en volgens het academisch proefschrift van Hegner te Zurich zou FRANKENHauSER \'), hoogleeraar aldaar, de relatieve bekkenmeting hebben toegepast, om te weten of hij al dan niet moest koeren. Bombeerde de schedel boven de symphysis, dan verrichtte hij versie, was het hoofd echter voor een deel in het kleine bokken te drukken, dan wachtte hij.

Op dezelfde vergadering waar Müller voor hot eerst over zijne methode sprak, deelde Schatz, uit Rostock, mede, dat hij deze reeds sedert 1877 in zijne kliniek demonstreerde. Hij wekt de baring kunstmatig op, indien de schedel zich slechts zoover laat indrukken, dat nog ruim een c.M. er van boven de symphysis uitsteekt.

\') Centralblatt f. Gyn. 1886.

-ocr page 163-

151

Ook Dohrn \') was niet goliecl onbekend op dit gebied, lijj verklaart mot nadruk: „Ich liabe ausserdom noch in geeigneten Fallen don Kopf auf\' das Beckon zn seliicbcn und nun an dom herabgodrangten Kopf bei innerlicher Exploration zu crmittoln gesuclit, ob und wie stark boroits ein raumliches Miss verb altniss zwischcn Kopf und Bcckcu-eingang vorhanden war.

Nog meor teruggaande moeten wij op Ritgen -) wijzen, die over- oen door hem behandeld geval sprekende, zich aldus uitdrukt: „Es wurde dor Eihautstich beschlossen abor so lange verschoben als noch der Kopf im Boeken abwarts stiog. quot;VVöchentlich wurde die Person zweimal untersucht.quot;

Eindelijk staan wij stil bij William Osborne:j), den voorstander der perforatie, die reeds vrij heldere begrippen over de relatieve bekkenmeting moet gehad hebben en in dit opzicht vorder stond dan Denman, wiens meening was: „of course the relation between them must bo unknownquot;.

Zoo zegt Osborne o. a.: „Die Natur hat den Kopf des Kindes in Ansehung seiner Figur und Grösze so gebildot, dasz or, wenn man ilm mit dor oberen Ocffiiung des Bockens zusammonhalt und vergleicht, dureh soin eigonos Gewicht nicht eintreten kann, sondern, indem or auf dem Rande stolion bleibt, dureh die kriiftigen und wiederholten Zusam-menziohungen der Gebarnmtter und dor Bauchmuskelu in

\') 1. c.

2) 1. C.

3) Essays on tho prac@|e of Midwifery in natural and difficult labours. Loudon. 1792. Duitsche Vurt. van Micuaelis. 1794.

-ocr page 164-

152

dieselbc hinein goprcszt werden musz.quot; Aan het adres van Denman zegt liij voorts: „Beweggründe meiner Person, wie meines Berufes fordern micli auf, hier ganz deutlich zu wie-derholen, dasz das relative Verhaltniss und zwar dieses al-lein, das die Durchmesser des Beckens gegen das Volumen des Kopfes des Kinds, besonders gegen die Basis des Scha-dels, halt, die Natur jeden Falls zu bestimmen im Stande ist, welche entweder den Gebraueli des Hakens verstattet, oder den Kaiserschnitt erfordert.quot;

Eindelijk geeft hij wenken, hoe een schedel door een vernauwd bekken kan worden heengedreven: „Der letzte Um-stand der mir höchst wichtig scheint, urn zuletzt das Heraus-ziehen des Kopfes zu erlcichtern, ist der, dasz man, wenn die Basis des Hirnschadels platt über dom R? nde des Beckons liegt, die Lage zu verandern und denselben seitwarts zu wenden suchen musz.quot; Hierdoor wordt het stuk schedel, dat tcrugbhjft, voel kleiner en wordt de weerstand gemakkelijker overwonnen.

Reeds Hippocrates illustreerde dit door te toonen, op hoeveel wijzen een olijf op den mond eener kruik kon worden gebracht.

Osborne zelf illustreert het mechanisme van don inda-lenden schedel door te herinneren aan liet geldstuk, dat niet in do gleuf van de spaarpot kan gebracht, tenzij het op zijn kant wordt geplaatst.

Uit dit alles blijkt voldoende dat reeds Osborne vrij goed van een en ander op de hoogte was. Dit is eenigerm^te te verklaren, als men overweegt dat hij vaak perforeerde bij een schedel, die bewegelijk op den ingang stond. Natuurlijk

-ocr page 165-

153

moest liij dien door druk van buiten op hot kleine bekken fixeereti, waarbij het niet te verwonderen is, dat deze nu en dan oen eind in het bekken werd ingedrukt.

Met do relatieve bekkonmeting is het dus gegaan, gelijk ook Beühl wel kon vermoeden. Dergelijke nieuwe methoden worden niet plotseling geschapen, maar zijn do vrucht van jaren studie en ondervinding.

Op het voetspoor van Schatz hebben verschillende verloskundigen, o. a, Cohnstein\'), Attlfeld-) en Pehling\') na het opwekken der vroegtijdige baring steeds de keering verricht. Zij gronden deze handelwijze op de volgende overwegingen. De nakomende schedel gaat gemakkelijker door een vernauwd bekken dan de voorliggende, daar in het eerste geval het hoofd met het smalste gedeelte, do basis cranii, indaalt. De beenderen schuiven dan beter over elkander en er is ruime gelegenheid voor den liquor cerebro-spinalis om weg te vlooien. Voorts zijn de weeën, die kunstmatig worden verwekt, soms zeer zwak. Hierdoor kan do schedel niet door den vernauwden ingang worden heengedreven, wat op zichzelf reeds eene niet zeldzame indicatie voor versie is. Aiilfelt) heeft sedert 1883 de keering na den part. arte praem. opgegeven, omdat het resultaat voor de kinderen zoo ongunstig was. Feiiling komt juist tot het tegenovergestelde resultaat, terwijl Coiinstein tegenover de genoemde voordeeion voor het kind, bjj nakomend hoofd, gevaar ducht.

\') Arch. f. Gyn. Bd VII 2) Berichte u. Arbeiten. 1881 - 1882. 3gt; Centralblatt f. Gyn 1886.

-ocr page 166-

154

omdat do liorsenon nu niet door don liquor cerebro-spinalis togen overmatigen druk worden beschermd.

Hoe belangrijk dit onderwerp ook zijn moge, hot behoeft hier geen punt van bespreking uit te maken; wij verwijzen alleen naar do inleiding.

Ten slotte een paar opmerkingen. De kunstmatig vervroegde, natuurlijke baring is, dank zij do verbeteringen in techniek on voorzorgsmaatregelen in don loop der tijden ontstaan, eene kunstbewerking geworden, die hare vaste, uitgebreide grenzen te midden der andere operaties inneemt.

Do sectio caesaroa hoeft in do laatste jaren wel oen gedeelte van het gebied van don part arte praem. veroverd, maar zij zal steeds het eigendom der klinieken en van sommige uitstekende operateurs blijven.

De perforatie aan den anderen kant is ten bate onzer kunstbewerking zeer achteruitgegaan on zal dit nog in meerdere mate kunnen en moeten doen Evenwol bestaat geen grond om aan te nemen dat de illusie van Tyler Smith in zijn lezenswaardig artikel zal vervuld worden: „Considering the various means at our disposal in the way of preventing the necessity for craniotomy, I do not hesitate to express my strong conviction that, as a rule, craniotomy in the case of the living and viable child sliould be abolished, and that if all the resources of obstetrics, in the way of prevention, management and alternative treatment were

-ocr page 167-

properly wielded, the necessity for the operation would never occur.quot;

De statistiek heeft door het aantoonen van het geoorloofde en noodzakelijke van den part. arte praem. hare algemeeno taak volbracht. Haar rest nog slechts de waarde van iedere aanwijzing afzonderlijk vast te stellen.

-ocr page 168-
-ocr page 169-

STELLINGEN.

i.

Eene bepaalde, voor alle gevallen voldoende methode om partus arte praematurus op te wekken, bestaat niet.

II.

Welke handelwijze men ook volgt, steeds moet de operatie a vue geschieden.

III.

Tamponade van den uterus met jodoformgaas bij hae-morrhagie post partnm is slechts als laatste hulpmiddel geoorloofd.

-ocr page 170-

158

IV.

Eij de chorea clectrica (maladie de Bergeron) is het zoekeu naar het moment dat do reflexen veroorzaakt, een eerste vereischte.

V.

Waar er vermoeden bestaat op vergiftiging met ratten-kruid, trachte men arsenicum in do urine op te sporen, indien het braaksel niet kan worden onderzocht.

VI.

De verkromming der extremiteit, die vaak na knieresectie optreedt, wordt door liet aannemen eener sterke bindweefselschrompeling aan de buigzijde niet voldoende verklaard.

VII.

Bij osteaal of periosteaal sarkoma aan eene extremiteit, behoort men in het naaste centraal gelegen gewricht te exarticuleeren.

-ocr page 171-

159

VIII.

Pleuritis exsudativa rheumatica is een op zichzelf staande vorm.

IX.

Eene proefneming met sulphas eserini is bij elke beginnende keratitis gewenscht, indien de patient bij zijn arbeid veel moet accommodeeren en deze hem niet is verboden.

X.

Anaeatheseeren van den ondersten neusgang verdient aanbeveling bij tubakatheterisatie voor de permanente lucht-douche.

XI.

Het is onbewezen en onwaarschijnlijk, dat do ontwikkeling van carcinoma slechts het gevolg zoude zijn van een bepaalden splijtzwam.

-ocr page 172-

160

XII.

Van patliologisch-anatomisch standpunt moet men aan hetgeen de klinicus peribronchitis tuberculosa noemt, den naam broncho-pneumonia tuberculosa geven.

XIII.

Vaccinatie is heilzaam en verplichte inenting geeft uitstekende resultaten. Hierdoor is echter niet bewezen dat de vaccinedwang geoorloofd is.

XIV.

De Bond tegen Vaccinedwang moet niet ontaarden in eene vereoniging die de inenting zelf bestrijdt. Hij zou daardoor de sympathie, die zijn beginsel terecht bij velen wekt, kunnen verbeuren.