-ocr page 1-
-ocr page 2-
-ocr page 3-
-ocr page 4-

ö\'BUOTHFFk-...,,.—

: ~ r

IT

^05

-ocr page 5-

3c jpereEdtijle Serde ®rdc

VAN DEN

E FRANCISCUS VAN jlSSISIE,

Volggns ie nieiwe verordeningen

VAN

lj

Iz;ijne Heiligheid ^paus ^eo xiii\'

DKRDK DRUK.

^INT J^AULUs y EREEMIGING - JA KAST RICH

-ocr page 6-

IMPRIMATUR

F. X. HUTTEN.

ad hoc del.

Mos. Traj. 20 Oct. 1883.

-ocr page 7-

AA N DEN L.EZER,

Om te beantwoorden aan de godvruchtige en •wijze inzichten van Z. H. Paus Leo XIII, wiens vurig verlangen het is, dat de Derde Orde van den H. Franciscus van Assisië in bloei toenemeen •overal onder het Katholiek volk verspreid worde, heeft men gemeend, de Encycliek van den 17 September 1882, (*) die eene heerlijke schets van de geschiedenis der Derde Orde bevat, in een boekje van geringen omvang te moeten uitgeven, te zamen met de onlangs verschenen Constitutie, welke den regel van genoemde Orde in eenige punten verzacht, en hare aflaten en voorrechten bepaalt. Aan deze vertaling der beide Pauselijke stukken is een nieuw Ceremonieel van de Derde Orde toegevoegd, dat dooide Congregatie der H. Kerkgebruiken bij de sluit van den 18 Juni 1883 is goedgekeurd.

(») De vertaling van deze Encycliek is met toestemming der Redactie van de Katholiek uit dat verdienste lijk tijdschrift overgenomen.

-ocr page 8-

ê 4 v c tj c C l e ü

VAN ONZEN HEILIGEN VADER

j^vEO XIII,

DOOR DE GODDELIJKE VOORZIENIGHEID PAUS. AAN ALLE PATRIARCHEN, PRIMATEN, AARTSBISSCHOPPEN EN BISSCHOPPEN DER KATHOLIEKE WERELD, DIE IN GUNST EN GEMEENSCHAP ZIJN MET DEN APOS-TOLISCHEN STOEL.

^.erwaarlitie Idrocders, l)e\'d en apostoliscljcn zecjen,.

Door een gelukkig voorrecht mag het Christenvolk binnen een korte tijdsruimte de gedachtenis van twee mannen herdenken, die tot de eeuwige belooning der heiligheid zijn opgeroepen ten hemel en een uitstekende schaar van volgelingen, als telkens weder opgroeiende spruiten.— Want na het eeuwfeest ter gedachtenis van Benedictus, den vader en wetgever der monniken in het Westen, biedt zich een niet ongelijke gelegenheid welhaast aan, om Franciscus van Assisië, bij het eindigen der zevende eeuw na zijne geboorte, een openbare hulde te brengen. En wij

-ocr page 9-

5

raeenen niet zonder grond, dat dit do jr een goedertieren leiding der goddelijke voorzienigheid geschiedt. Want door hun den geboortedag van .zulke heilige vaders ter viering voor te stellen, schijnt God de menschen te willen vermanen, zich de zeer groote verdiensten dier heiligen le binnen te brengen, en tevens in te zien, dat de door hen gestichte kloosterorden geenszins zoo onwaardig hadden aangerand moeten worden, vooral niet in die Staten, wier beschaving en roe m zij door hun arbeid, hun geestesgaven, hun ijveri-gen toeleg verhoogd hebben. — Wij vertrouwen, dat deze plechtige viering niet onvruchtbaar zal zijn voor het Christenvolk, hetwelk nietten onrechte kloosterlingen altijd voor zijne vrienden placht te houden: en derhalve, zooals het den naam van Benedictus met groote toewijding en dankbaarheid gemoed vereerd heeft, zoo zal het nu om strijd de gedachtenis van Fran-ciscus met feestelijke hulde en veelvuldige liefdebetuigingen vernieuwen. En die lofwaardige wedstrijd van toewijding en vereering beperkt zich niet tot de streek, waar de heilige man het levenslicht zag, noch tot de landen in de nabijheid der plaats, die hij door zijne tegenwoordigheid eerwaardig maakte, maar is verre uitgebreid tot alle gewesten der aarde, waar óf de naam van Franciscus vermaard werd óf zijne instellingen bloeien.

-ocr page 10-

6

Dezen innigen ijver voor eene uitstekend goede zaak keurt, voorwaar, niemand meer goed dan Wij: vooral dewijl Wij Ons, van onze jeugd af, gewoon gemaakt hebben Franciscus van Assisië met bewondering en bijzondere godsvrucht te vereeren, en Wij er groot op gaan in de Orde der Franciscanen te zijn opgenomen, en Wij meer dan eens uit godsvrucht het heilige Alver-nische gebergte met opgewekte blijdschap hebben beklommen, waar het beeld van dezen zoo uitstekenden man, op welke plaats we ook den voet zetten. Ons voor den geest oprees, en die eenzaamheid, zoo vol herinneringen, onze ziel in stille overpeinzing bevangen hield. — Doch hoe lofwaardig deze ijver is, daarin is geenszins alles begrepen. Want zoo moet men denken over de eerbewijzingen, die den H. Franciscus gegeven worden, dat zij dengene wien zij gelden, het meest welgevallig zullen zijn, indien zij vruchtbaar zijn voor hen welke ze brengen. Nu bestaat de degelijke en onvergankelijke vrucht hierin, dat de menschen zich eenigc gelijkenis verwerven met hem, wiens uitstekende deugd zij bewonderen, en dat zij zich toeleggen door zijne navolging beter te worden. En wanneer zij dit met Gods hulp ijverig ten uitvoer brengen, dan zal er, voorzeker, een geschikt en zeer werkdadig geneesmiddel voor de tegenwoordige rampen gevonden zijn. — Wij willen U, Eerwaardige Broeders,

-ocr page 11-

7

derhalve door dezen Brief toespreken, niet slechts om Onze godsvrucht jegens Franciscus openlijk te betuigen, maar ook om uwe liefde op te wekken, opdat Gij even als Wij en met Ons U toelegt aan het welzijn der menschen door middel van dat geneesmiddelen, wat Wij noemden. Uwe zorgen te wijden.

De Verlosser van het menschelijk geslacht, Jesus Christus, is de altijddurende en steeds vloeiende bron van alle goed, wat van Gods oneindige liefderijkheid tot ons komt, en wel zoozeer dat Hij die eenmaal de wereld verlostte, haar ook in alle eeuwen verlossen zal; JVani er is geen andere naam onder den hemel den men -schen gegeven waarin wij zalig moeten worden. (1) Wanneer het dus somstijds door de Ljebrek-kelijkheid der natuur of de schuld der menschen geschiedt, dat het menschelijk geslacht ter verkeerde zijde afwijkt, en een buitengewone hulp om vrij te komen schijnt te behoeven, dan is het dringend noodzakelijk zich tot Jesus Christus te keeren, en dit voor de beste en zekerste toevlucht te houden. Immers zijn goddelijke kracht is zoo groot en vermag zooveel, dat zij in staat is èn om alle gevaren te verdrijven èn om alle rampen te genezen. En de genezing nu zal zeker zijn, indien het menschelijkc ge-

(l) Hand. IV, 12.

-ocr page 12-

8

slacht slecht tot de betrachting der christelijke wijsheid en tot de levensregelen des Evangelies wordt teruggebracht. Wanneer soms de rampen, die Wij noemden, ons overvallen, en zoodra de door Hem voorziene tijd van vertroosting tot rijpheid is gekomen, dan wekt God bijna aanstonds een man op, niet een gelijk vele anderen, maar een groot en buitengewoon man, dien Hij roept om het algemeen welzijn te herstellen. Doch dit gebeurde juist tegen het einde der twaalfde quot;eeuw en iets later: en uitvoerder van dit groote werk was Franciscus.

Dat tijdperk evenzeer als de bijzondere aird zijner deugden en ondeugden is genoegzaam bekend. Diep en krachtig was het Katholieke geloof in de zielen gevestigd; en schoon was het, dat zeer velen, in vurige godsvrucht ontbrand, zich naar Palestina begaven, besloten om te overwinnen of te sterven. Maar evenwel de losbandigheid had de volkszeden zeer veranderd: en niets was den menschen zoo noodzakelijk als de hernieuwing van den christelijken geest.— Doch de hoofdzaak der christelijke deugd is eene edele gesteltenis der ziel, die in staat is om bezwaren en moeilijkheden te verdragen: en een zekere beeltenis er van wordt door het kruis voorgesteld, hetwelk zij, die Christus willen volgen, op hun schouder moeten laden en dragen. En tot die gesteltenis behoort, dat de geest zich

-ocr page 13-

9

aan tijdelijke zaken onttrekt, dal wij een streng bestier over ons zeiven uitoefenen, dat wij de tegenspoeden met gemak en gematigheid doorstaan. Eindelijk is de liefde tot God en tot de naasten boven alle andere de meesteres en koningin der deugden; en hare kracht is zoo groot, dat zij delasten welke met den plicht verbonden zijn, zacht wegneemt, en de inspanningen, hoe •groot ook, niet alleen dragelijk, maar zelfs aangenaam maakt.

In de twaalfde eeuw waren deze deugden blijkbaar zeer schaars, daar al te velen dwazelijk aan menschelijke belangen of aan de begeerte naar eer en rijkdom geheel verslaafd waren, of hun leven in weelde en genietingen doorbrachten. Een zeer groote macht was in de handen van weinigen, en hunne rijkdommen dienden bijna tot niets anders dan tot de onderdrukking eener rampzalige en verachte menigte; en zelfs zij, die -om hun levensstaat de overigen in toom hadden moeten houden, waren van dergelijke ondeugden niet vrij gebleven. En bij de vrij algemeene verflauwing der liefde waren er verschillende en dagelijks voorkomende rampzaligheden gevolgd : de nijd, de ijverzucht, de haat; en de gemoederen waren zoo verdeeld en tot vijandschap geneigd, dat de steden eener zelfde nabuurschap, elkander bij de minste oorzaak door -den oorlog ten verderve brachten en de eene bur-

-ocr page 14-

10

ger met den andere op onmenschelijke wijze door het zwaard hunne twisten beslechtten.

In die eeuw viel de levenstijd van Franciscus. Evenwel heeft hij het met bewonderenswaardige standvastigheid, met even grooten eenvoud ondernomen om in woord en daad der verouderende wereld het echte beeld der christelijke volmaaktheid voor oogen te stellen. —Werkelijk, gelijk de groote vader Dominicus Gasman de onschendbaarheid der hemelsche leeringen in denzelfden tijd verdedigde en de booze dwalingen der ketters door het licht der christelijke wijsheid verdreef, zoo heeft Franciscus, wien God tot groote daden bewoog, dit verkregen, dat hij de Christenen tot de deugd opwekte en hen, die langen tijd en ver waren afgeweken, tot de navolging van Christus bracht. Het is voorzeker niet toevallig geweest, dat deze uitspraken uit het Evangelie den jongeling ter oore kwamen : JVi/i noch goud, noch zilver, noch geld in mve gordels hebben ; gee?i huidel op den weg, noch twee kleederen, noch schoeisel, noch eenstaf. (I) En : Zoo gij volmaakt wilt zijn, ga, verkoop wat gij hebt en geef het den ar7nen .. . en kom en volg mij (2). Hij legt dit uit alsof het tot hem met name gezegd is, en terstond doet hij afstand van alles, hij verandert van kleeding.

(2) Matth XIX, 21.

(l) Matth. X, 9—10

-ocr page 15-

11

hij neemt de armoede tot begeleidster en gezelschap voor geheel zijn leven, en hij wil, dat die hoogste voorschriften der deugden, die hij met verheven en moedigen zin omhelsd had, als de grondslagen zijner Orde zouden zijn. Sedert dien tijd gaat hij, te midden van de zoo groote weekelijkheid en de in den hoogsten graad verfijnde kiesheid zijner eeuw, met verwaarloosde en ruwe kleeding: vraagt hij zijn voedsel van deur tot deur; en verdraagt hij niet zoo zeer, maar neemt hij met bewonderenswaardige gretigheid de spotternijen van het verdwaasde volk voor zich op, en wel van zulke spotternijen, als voor de bitterste doorgaan. Hij had immers de dwaasheid van Christus\' Kruis aangenomen en als de volstrekte wijsheid leeren kennen; en toen hij tot in de verheven geheimen van dat Kruis door hooger begrip was doordrongen, zag en oordeelde hij, dat hij zijn roem nergens beter vestigen kon. —Tegelijk met de liefde tot het Kruis vervulde Fran-ciscus\' gemoed eene vurige liefde, die hem aandreef, om de uitbereiding van den christelij-ken naam uit ganscher harte op zich te nemen, en zich hiervoor zelfs aan blijkbaar doodsgevaar vrijwillig prijs te geven. Met die liefde omvatte hij alle menschen; maar veel dierbaarder waren hem de behoeftigen en de meest verachten; zoozeer dat men hem zijn welbehagen zag heb-

-ocr page 16-

ia

ben vooral in hen die ieder ander gewoon was te vluchten of met trotsche afkeerigheid te behandelen. En aldus heeft hij zich uitstekend verdienstelijk gemaakt voor het in standhouden van dien broederband, welken Chiistus de Heer herstelde en voltooide, zoodat Hij uit geheel het menschelijk geslacht als één gezin maakte, dat onder het gebied van God, den éénen vader van allen, gesteld is.

Door de hulp dus van zoovele deugden en vooral door deze strengheid van leven, poogde die geheel levensreine man het beeld van Jesus Christus, voor zooveel hij kon, in zich zelf over te brengen. Doch het bestier der goddelijke voorzienigheid ziet men ook hier uitschitteren, dat hij in het uitwendige eenige zijden van bijzondere gelijkenis met den goddelijken Verlosser gehad heeft.— Zoo gebeurde het met Franciscus, naar het voorbeeld van Jesus, dat hij in stal geboren werd, en als sprakeloos kind zulk een legerstede had als eens Christus zelf, namelijk de aarde met stroo bedekt. En toen, zooals verhaald wordt, is de gelijkenis voltooid door Engelenkoren, die in de hoogte blijde rondzweefden, en met hun liefelijk maatgezang de lucht vervulden. Evenzoo voegde hij er zich, gelijk Christus het met de Apostelen deed, eenige uitverkoren leerlingen toe, om hun de verschillende landstreken te laten doortrekken, als boodschappers

-ocr page 17-

13

van den christelijken vrede en van de eeuwige zaligheid. Allerarmst, beleedigd, bespot, door de zijnen verw.orpen, heeft hij ook daarin het beeld van Christus teruggegeven, dat hij zelfs niet het geringste als eigendom wilde bezitten om er zijn hoofd op neer te leggen. Het laatste kenmerk van gelijkenis werd er aan toegevoegd, toen hij op de kruin van den berg Alvernia, als op zijn Calvarië, tot een voorbeeld gesteld werd, zooals er tot dien tijd nog geen gezien was, en de heilige wonden door goddelijke macht in zijn lichaam ingedrukt werden, en hij als gekruisigd is.—Wij herinneren hier aan een gebeurtenis, uit minder verheven om haar wonderdadig karakter dm beroemd door de lofprijzing der eeuwen. Want toen hij eens ineen vurige overdenking van Christus\' smarten verzonken was en dezer allergrootste bitterheid in zich opnam en zich als een dorstige er aan laafde, vertoonde zich onvoorziens een Engel,\'die van den hemel afdaalde: tengevolge van een geheime kracht, die plotseling van dezen uitstraalde, gevoelde Franciscus zijne handen en voeten als met nagelen doorboren en evenzeer zijne zijde als met een scherpe lans wonden. Hierdoor ontving hij een bovenmatigen liefdegloed in zijne ziel; in zijn lichaam droeg hij voor het vervolg de levende en duidelijke afbeelding der wonden van Jesus Christus.

-ocr page 18-

14

Deze wondervolle gebeurtenissen, eerder waardig om in de taal der engelen dan in die der menschen verheerlijkt te worden, toonen genoegzaam, welk een groot man, en hoe waardig hij was, dat God hem bestemde om zijne tijdgenooten tot christelijke zeden terug te roepen. Immers, bij de kerk van den H. Damianus hoorde Franciscus eene bovennatuurlijke stem; Ga, steun mijn wankelend huis. En niet minder wonderbaar is de verschijning, die God aan Inno-centius III gaf, toen deze meende Franciscus te zien, die met zijne schouders de wankelende muren der Lateraansche Basiliek schraagde. De kracht en beteekenis dezer wonderen is duidelijk : er werd namelijk te kennen gegeven, dat Franciscus in dat tijdperk geen geringe hulp en steun voor de christelijke maatschappij wezen zou. Inderdaad, hij talmde niet om zich aan het werk te zetten. De twaalf, die zich eerst onder zijne leiding geplaatst hadden, waren gelijk aan een klein zaadje, dat men spoedig onder den zegen van God en de bescherming van den Opperpriester tot een zeer overvloedigen oogst zag opgroeien. Nadat deze alzoo op heilige wijze gevormd waren naar het voorbeeld van Christus, wijst hij hun verschillende streken van Italië en Europa aan om er het Evangelie te prediken, terwijl enkelen onder hen last ontvangen tot Afrika door te dringen. Zij dralen niet: hoewel arm, ongeleerd, onbeschaafd

-ocr page 19-

wagen zij het voor het volk op te treden : op pleinen en in straten beginnen zij zonder spreekgestoelte en zonder praal van woorden de men-schen te vermanen tot versmading van de vergankelijke dingen en tot de gedachte aan het toekomstige leven. Een verwonderlijk rijke vrucht beloonde den arbeid van deze schijnbaar zoo ongeschikte werklieden. Want bij scharen stroomt een menigte van volk tot hen samen, begeerig om hen te hooren ; alsdan beweenen zij met berouw hunne zonden, vergeten geleden onrecht, en keeren door het bijleggen hunner geschillen tot gevoelens van vrede terug, \'t Is ongelooflijk, met welk een zielsdrift en vervoering bijna, de menigte tot Franciscus getrokken werd. Men volgde hem in dichte scharen, werwaarts hij heenging, en niet zelden smeekten hem uit steden, uit volkrijker plaatsen alle burgers zonder onderscheid, dat hij hen plechtig onder zijn regel zou opnemen. Daardoor is de heilige er toe gebracht het genootschap van de Derde Orde in te stellen, dat eiken stand van menschen, eiken leeftijd, beiderlei geslacht moest opnemen zonder de banden van het gezin en van de huiselijke zaken te verbreken. Want met wijze voorzichtigheid scheef hij aan die orde niet zoozeer eigen wetten voor, maai de veror deningen zelve van de wetten des Evangelies, die aan geen Christen al te zwaar kunnen voor-

-ocr page 20-

16

komen. Namelijk: aan de geboden van God en van de Kerk te gehoorzamen, partijschappen en twisten te verbannen, niets van liet eigendom eens anderen weg te nemen, de wapenen niet op te vatten, tenzij voor godsdienst en vaderland, in leefwijze en kleeding voegzame maat te houden, de weelde te vluchten, de gevaarlijke aanlokselen van den dans en van de schouwspel-kunst te vermijden.

Het is gemakkelijk te begrijpen, dat er zeer groote voordeden moesten voortvloeien uit zulk eene instelling, die niet alleen heilzaam was in zich zelve, maar ook en voornamelijk uitnemend geschikt voor dien woeligen tijd. — Deze geschiktheid wordt niet alleen genoegzaam gestaafd door de genootschappen van denzelfden aard, die uit de Dominikaner en uit andere orden ontstonden, maar wordt ook door de uitkomst zelve bevestigd. Inderdaad,alom haastten de men-schen zich, van de laagsten tot de hoogsten, met vurig verlangen en de hoogste zielsbegeerte in de orde van Franciscus te treden. De eersten, die deze onderscheiding begeerden, waren Lo-dewijk IX, Koning van Frankrijk, en Elisabeth, de Hongaarsche Koningsdochter ; hen volgden in den loop der tijden vele Pausen, Kardinalen, Bisschoppen, Koningen en Vorsten, die allen de ordeteekenen van Franciscus niet onvereenig-baar achtten met hunne waardigheid. — De leden

-ocr page 21-

17

I van de Derde Orde toonden evenveel vroom heid als moed Ln het verdedigen van den katholieken godsdienst, en al hebben zij zich door die deugden veel haat berokkend van den kant der boozen, aan de goedkeuring van de wijzen en goeden, welke ten hoogste eervol en alleen begee-renswaardig is, heeft het hun nooit onbroken. Ja, ■onze Voorganger Gregorius IX zelf heeft hen openlijk met hun geloof en moed geluk gewenscht 8 en niet geaarzeld hen door zijn gezag te ver-^ dedigen en hun den eerenaam van strijders voor

I Christus, van andere Machabeëen Christus, van andere Machabeëen toe te kennen. — En die lof was niet in strijd met de waarheid. Want er lag een krachtig hulpmiddel voor het heil der maatschappij in die Orde, welker leden de deugden en voorschriften van hun stichter voor oogen hielden en zich naar vermogen beijverden de christelijke deugd met nieuwen luister in de maatschappij te doen herleven. Ongetwijfeld zijn dikwerf door hun tusschenkomst en voorbeelden de oneenigheden vanpartijschappen uitgedoofd of tot bedaren gebracht, zijn de wapenen aan de hand van woestaards ontrukt, zijn de oorzaken van gedingen en twisten weggenomen, heeft de armoede en de verlatenheid leniging gevonden, is de losbandigheid beteugeld die de fortuinen verslindt en het werktuig is des verderfs. Daarom ontspruiten aan de Derde Orde van Franciscus, als aan hun stam huiselijke

2

-ocr page 22-

18

vrede en openbare rust, reinheid van zeden en zachtmoedigher\'d, behoorlijk gebruik en beveiliging van den eigendom, welke de hechtste steunpilaren zijn van beschaving en welvaart, en het behoud van deze voorrechten heeft Europa voor een groot gedeelte aan Franciscus te danken.

Meer echter dan een der overige volkeren heeft Italië aan Franciscus te danken, dat het voornaamste tooneel zijner deugden is geweest en evenzoo zijne weldaden het meest ondervonden heeft. — En wel in een tijd, waarin velen zich dikwerf beijverden om anderen onrecht aan te doen, bood hij steeds de hand aan den bedrukte en gevallene ; rijk te midden der uiterste armoede, hield hij nimmer op de nooddruft van anderen te lenigen zonder aan de zijneteden-ken. Zoet liet de jeugdige taal zijns vaderlands haar eerste klanken uit zijn mond hooren: de vervoering zijner liefde en zijner poëzij tevens stortte hij uit in lofzangen, die bestemd waren om door het volk van buiten geleerd te worden, en die de bewondering niet onwaardig gekeurd zijn door de letterkundigen van het nageslacht. Bij de gedachte aan Franciscus heeft zekere aanblazing en meer dan menschelijke bezieling den geest onzerlandgenooten ontvonkt, en wel zoo dat de pogingen der grootste kunstenaars gewedijverd hebben om de gebeurtenissen zijns levens in schildering, of in een steen of in

-ocr page 23-

19

metaal af te beelden. In Franciscus vond Ali-ghieri een dichtstof, die hij in even verheven als welluidende verzen kon bezingen ; aan zijn leven ontleenden Cimabue en Giotto tafereelen, die zij in de kleurtinten van Parrhasins onsterfelijk maakten, aan hem dankten beroemde bouwkunstenaars de ideeën, die zij in groot-sche bouwwerken uitdrukten zoowel bij het graf van dezen allerarmsten heilige, als bij de kerk van Maria der Engelen, die van zoovele en groote mirakelen getuige was. Naar deze heiligdommen plegen talrijke scharen van alle kanten heen te trekken, ten einde den vader der armen van Assisië te vereeren, wien de gaven der goddelijke goedheid even ruim en overvloedig stroomden als hij zich zeiven volslagen van tijdelijke bezittingen ontdaan had.

Derhalve is blijkbaar van dezen éénen man een macht van weldaden aan de christelijke en aan de burgerlijke maatschappij toegevloeid. Doch omdat zijne gezindheid in volheid en bij uitstek christelijk is en op wonderbare wijze voor alle plaatsen en tijden voegt, kan niemand het be twijfelen, dat de instellingen van Franciscus in deze onze eeuw grootelijks voordeelig zullen zijn. Des te meer, dewijl de gesteltenis van onzen tijd om vele redenen die van zijnen tijd schijnt nabij te komen. — Gelijk in de twaalfde eeuw is evenzoo nu de liefde niet weinig verkoeld, is

-ocr page 24-

20

er hetzij door onwetenheid, hetzij door ver-waarloozing niet weinig stoornis in de vervulling der christelijke plichten. Met gelijke geestesrichting tn met gelijke inspanning brengen zeer velen hun leven door in het streven naar tijdelijk voordeel en in het begeerig najagen van genot. Overgegeven aan alle weelderigheid, verkwisten zij wat zij bezitten, verlangen zij naar het eigendom van anderen ; in naam verheffen zij de onderlinge broederschap der menschen ; hun woord evenwel spreekt meer van broederlijke liefde dan hunne daden ; want zij worden door eigen liefde gedreven, en die echte liefde jegens de minderen en de armen vermindert bij den dag. — In den tijd van Franciscus had de veelvoudige dwaling der Albigensen, door het oproer tegen de macht der Kerk aan te stoken, tegelijk den Staat in verwarring gebracht, en den weg tot een zeker Socialismus gebaand. En thans zijn evenzoo de begunstigers en verspreiders van het Naturalismus toegenomen, welke hardnekkig loochenen, dat men aan de Kerk onderdanig moet zijn, en geleidelijk en trapsgewijze verder voortgaande, zelfs de burgerlijke macht niet ontzien, het geweld en volksoproeren goedkeuren. het eigendomsrecht aanranden, de hartstochten der volkshefife vleien, de grondslagen der huiselijke en der openbare orde verzwakken.

Bij deze zoo talrijke en zoo groote rampspoe-

-ocr page 25-

21

den kan er derhalve, zooals Gij, Eerwaardige Broeders, duidelijk inziet, redelijker wijze een niet zwakke hoop op hulp gebouwd worden op de instellingen van Franciscus, wanneer zij maar in haren vorigen staat hersteld worden. — Want bloeide zij, dan zou ook gereedelijk het geloof en de godsviucht en al wat voor den Christen lofwaardig is bloeien, dan zou de overmatige begeerte naar vergankelijke zaken geknakt worden, en men zou er geen afkeer van hebben, zijne harstochten uit kracht van deugd te temmen, wat voor velen als de zwaarste en hatelijkste last geldt. Door de banden eener waarlijk broederlijke eendracht verbonden zouden de men-schen elkander onderling liefhebben, en aan de behoeftigen en ongelukkigen, als dragers van Christus\' beeld, den eerbied bewijzen, waar zij recht op hebben. •— Buitendien, zij die van den christelijken godsdienst innig zijn doordrongen, zijn met zekerheid overtuigd, dat men aan het wettig gezag uit bewustzijn van plicht gehoorzamen, en niemands rechten in iets schenden moet; en zulk eene zielsgesteltenis is het werkdadigste middel om al wat onder het aangegeven opzicht verkeerd is, met wortel en tak uit te roeien : de geweldadigheid, de onrechtvaardigheden, de begeerte naar omwentelingen, de afgunst tusschen dc verschilleude standen der maatschappij: alles tevens oorzaken en wape-

-ocr page 26-

22

nen van het Socialismus. —Eindelijk zal ook het vraagstuk, waaraan de staathuishoukundigen zooveel arbeid ten kosten leggen, over de verhouding tusschen rijken en armen, zeer goed opgelost zijn, wanneer het vast staat en met overtuiging is aangenomen, dat de armoede hare eerwaardigheid heeft, dat de rijke barmhartig en mild, de arme met zijn staat en door zijn arbeid tevreden moet zijn, en dat, daar geen van beiden voor deze veranderlijke goederen geboren is, de eene door geduld, de andere door mildheid naar den hemel moet opgaan.

Om deze redenen is het sedert lang ons vurig verlangen, dat ieder zich naar best vermogen op de navolging van Franciscus van Assisië toe-legge. —• Zooals wij derhalve steeds te voren aan de Derde Orde der Franciscanen een bijzondere belangstelling hebben gewijd, zoo maken Wij ook nu, nadat wij door Gods allerhoogste goedheid tot de beoefening van het Opperherderschap geroepen werden, van de geschikte gelegenheid gebruik, en vermanen Wij de Christenen, toch niet na te laten om zich bij deze heilige krijgschaar van Jesus Christus te doen opnemen. Op verscheidene plaatsen worden er zeer velen van beider geslacht geteld, die reeds met blijden moed de voetstappen van den Sera-phijnschen Vader drukken. Hun ijver prijzen Wij en keuren Wij goed, doch zóó dat Wij hem,

-ocr page 27-

23

vooral door uwe pogingen, Eerwaarde Broeders, verhoogd en onder meerderen verbreid wenschen te zien. — En de hoofdzaak onzer aanbeveling is, dat zij die de onderscheidingsteekenen der Boetvaardigheid hebben aangenomen, op het beeld van hun zeer heiligen iasteller den blik vestigen en streven er aan gelijkvormig te worden : ontbreekt dit, dan zal het goed, dat er van verwacht kan worden, van geene waarde zijn. Draagt dus zorg, dat men de Derde Orde algemeen kenne en naar waarheid waardeere ; maakt, dat zij de zielzorg uitoefenen, ijverig leeren, wat die Derde Orde is, hoe gemakkelijk ieder in haar kan worden opgenomen, welk een overvloed van voorrechten, die der ziel ten heil strekken, zij bezit, hoeveel goeds zij èn voor het bijzondere èn voor het openbare leven belooft. En er moet hiervoor des te meer moeite besteed worden, dewijl de leden der Eerste en der Tweede Orde van den H Franciscus thans door zware vervolging geteisterd, onder onverdiend leed gebukt gaan. Dat zij toch, verdedigd doorde bescherming van hunnen vader, spoedig uit zoovele tegenspoeden gered, in kracht en bloei mogen vooruit gaan! Och of ook de Christenvolken in menigte aan den regel der Derde Orde mogen deelnemen, met zooveel vuur en in zulk een getal, als zij voorheen van alle kanten om strijd naar Franciscus zeiven toestroomden!—Maar dit vragen

-ocr page 28-

24

Wij met meerderen drang en dit verwachten Wij met hooger recht van de Italianen, wien de nauwe band van hetzelfde vaderland en de grootere overvloed van ontvangen weldaden een inniger genegenheid en een hoogere dankbaarheid jegens Franciscus opleggen. Zoo toch zou, na zeven eeuwen, het Italiaansche volk en de geheele Christenwereld het aan den weldadigen invloed van den heilige van Assisië dank weten, van de verwarring tot de rust, van hel verderf tot de veiligheid teruggebracht te zijn. Laat ons dit met gezamenlijk gebed, vooral ia deze dagen, van Franciscus zelf afsmeeken; zoeken wij dit evenzeer te verkrijgen van de Maagd en Moeder Gods Maria, die de godsvrucht en deugd van haren dienaar steeds met hemelsche bescherming cn buitengewone gave beloonde.

Intusschen schenken Wij U, Eerwaardige Broeders en aan geheel de Geestelijkheid en aan het geloovige volk, dat aan ieder van U is toevertrouwd, in de volheid onzer liefde den Apostolischen zegen, ten onderpand der hemelsche gunsten en ten bewijs onzer bijzondere genegenheid.

Gegeven ie Rome, bij St. Pieter, den 17. Sept. 1882, in het vijfde jaar van ons Pausschap.

LEO XIII, Paus.

-ocr page 29-

van onamp;en tyJadez

j_^EO XIII(

DOOR DE GODDELIJKE VOORZIENIGHEID PAUS,

OVER

den iftegef Dctu lie iDcccftlfijfie Scudc Dude

DER FRANCISCANEN,

LEO. BISSCHOP,

dienaaz- de-z dicnazcit fer eeuwige gedachtenis.

De Barmhartige Zoon Gods, die, door den menschen een zoet juk en lichten last op te leggen, zorg gedragen heeft voor het leven en welzijn van allen, heeft de Kerk, door Hem gesticht, nagelaten als erfgename, niet alleen van Zijne macht, maar ook van Zijne barmhartigheid, opdat de weldaden door Hem verworven, altijd met dezelfde mate van liefde, door alle eeuwen heen zouden verspreid worden. Gelijk derhalve in alles, wat Jesus Christus tijdens Zijn sterfelijk

-ocr page 30-

26

leven gedaan of geboden heeft, Zijne zachtmoedige wijsheid en grootheid van onvenwinnelijke goedheid uitschitterde, zoo treedt eveneens in alle instellingen der Christelijke maatschappij eene bewonderenswaardige toegevendheid en zachtzinnigheid in het licht, om te doen zien, dat de Kerk ook hierin het evenbeeld van God, die liefde is, (1) duidelijk in zich draagt. Het is echter vooral de eigenaardige taak harer moederlijke teederheid, dat zij hare wetten, zooveel zij vermag, in wijze overeenstemming brengt met tijden en zeden, en in hare voorschriften en eischen altijd r\'e hoogste billijkheid in acht neemt. En juist door deze even wijze als liefderijke handelwijze, vereenigt de Kerk de volstrekte en eeuwige onveranderlijkheid harer leer met eene wijze verscheidenheid van hare tucht.

Ook in de uitoefening van Ons Opperpriesterschap met hart en geest naar deze handelwijze voegende, achten Wij het Onzen plicht, den aard der tijden aan eene onpartijdige beoordeeling te onderwerpen en alles nauwkeurig gade te slaan, opdat niemand door de moeielijkheid afgeschrikt worde van de beoefening der heilzame deugden. En alzoo heeft het Ons ditmaal behaagd, het Genootschap van de D.erde Orde der Franciscanen, welke de wereldlijke genoemd

(l) Joan IV, 16.

-ocr page 31-

27

wordt, naar deze maatstaf nauwlettend te onderzoeken, en met behoedzaamheid te beslissen, of het noodig ir.ocht zijn. Zijne voorschriften een weinig te verzachten ter wille van de veranderde tijden.

Deze voortreffelijke instelling van den H. Vader Franciscus hebben Wij dringend in de godsvrucht der Christenen aanbevolen door Onze Encycliek Auspicato, welke Wij den 17 September van het vorig jaar uitvaardigden. Zulks deden Wij in het verlangen en uitsluitend met het inzicht, om zoo velen, als maar mogelijk was, door Onze uitnoodiging bijtijds terug te roepen tot de verhevenheid van een deugd-zamen Christelijken levenswandel. De voornaamste oorzaak toch van de rampen, die ons drukken, en van de gevaren die gevreesd worden, is de verwaarloozing der Christelijke deugd. Om nu de eerste te heelen en de laatsten af te wenden, staat den mensch geen andere weg open, dan dat zij afzonderlijk en in \'t algemeen zich haasten terug te keeren tot Jesus Christus,

nen voor eeuwig zalig kan maken, welke door He7n tot God gaan. (1) Welnu, de onderhouding der geboden van Jesus Christus ligt den instellingen der Franciscanen geheel en al ten grondslag ; niets anders toch beoogde hun zeer heilige

(l) Hebr. VII, 25,

-ocr page 32-

28

Stichter, dan dat men in zijne instellingen, even als in eene oefenschool, zich met meer nauwgezetheid op het Christelijk leven zou toeleggen. Zeker de beide eerste Orden der Franciscanen zijn tot de beoefening der verhevene deugden ingericht, en streven naar iets dat meer volmaakt, meer goddelijk is; doch zij zijn slechts voor weinigen toegankelijk, voor degenen namelijk, wien het door Gods genade geschonken werd, tot de heiligheid der Evangelische raden met ongewone geestdrift op te klimmen. De Derde Orde daarentegen is ontstaan en geschikt voor het volk, en hoeveel zij vermag, om goede, zuivere, godsdienstige zeden te vormen, bewijzen de jaarboeken van vorige tijden en de zaak zelve.

Aan God, die de goede voornemens instort en steunt, moeten Wij het danken, dat de ooren van het Christenvolk voor deze onze aanmaningen niet gesloten bleven. Ja zelfs verhaalt men Ons uit zeer vele plaatsen, dat de godsvrucht tot den H. Franc iscus van Assisië een nieuw leven ingestort, en overal het getal aangegroeid is van degenen die verlangen in de Derde Orde opgenomen te worden. Om derhalve deze beweging een snelleren voortgang te doen hebben, namen Wij het besluit Onze aandacht te vestigen op datgene, waarvan deze heilzame strooming der gemoederen eenigszins scheen te kunnen

-ocr page 33-

29

tegenhouden of vertraagd worden. Eu Onze eerste bevinding was wel deze, dat de Regel van de Derde Orde, welken Onzen voorganger Nicolaus IV, door zijne Apostolische Constitutie Supra montem van den 18 Augustus 1289, heeft goedgekeurd en bekrachtigd, niet volkomen beantwoordt aan de tijden en zeden, die wij thans beleven. Daar dientengevolge de aangenomen verplichtingen zonder bovenmatige bezwaren en moeite niet kunnen vervuld worden, was het tot dusverre noodzakelijk, de leden op hun verzoek van verschillende voorname bepalingen des Regels te ontslaan, en dat zulks zonder nadeel van de algemeene tucht niet kan geschieden, laat zich gemakkelijk begrijpen.

Vervolgens was er in dat Genootschap nog eene andere aangelegenheid, die Onze zorgen vereischte. Onze Voorgangers, de Roomsche Opperpriesters, reeds van den beginne af met de hoogste welwillendheid jegens de Derde Orde bezield, hebben namelijk aan hare leden, tot uitboeting der schulden, vele en zeer uitgestrekte aflaten verleend. In de opsomming daarvan is echter na verloop van tijd vrij wat verwarring ontstaan; dikwijls was het zelfs een geschilpunt, of men in bepaalde gevallen wel zekerheid had van de pauselijke inwilliging, en wanneer, of hoe men daarvan gebruik behoorde te maken. De Apostolische Stoel bleef voorzeker niet in

-ocr page 34-

30

gebreke, in deze zaak voorziening aan te brengen ; met namen, Paus Benedictus XIV zorgde door zijne Constitutie Ad Romamitn Pontificem van den 15 Maart 1751, dat de vroegere twijfelingen opgeheven werden ; doch, zooals gewoonlijk geschiedt, zijn van lieverlede niet weinige andere weer opgerezen.

Door de gedachte aan die ongelegenheden aangespoord, hebben Wij daarom uit de H. Congregatie der Aflaten en H. Reliquiëen eenige kardinalen der H. Roomsche Kerk aangesteld, om den oorspronkelijkeu Regel der Tertiarissen zorgvuldig te herzien, en tevens om alle aflaten en voorrechten in het kort bijeen te brengen en te onderzoeken, en na rijp beraad Ons een verslag uit te brengen over datgene, wat naar hun voordeel, overeenkomstig de tijdsomstandigheden behouden, en wat veranderd moest worden. Na de zaak volgens opdracht ten einde gebracht te hebben, stelden genoemde kardinalen Ons voor, dat men den ouden Regel, door eenige verandering van sommige hoofdstukken, naar de tegenwoordige manier van leven moest wijzigen en daarmede in overeenstemming brengen. Wat nu de aflaten aangaat, waren zij van oordeel, dat, om alle twijfel weg te nemen en het gevaar te vermijden van iets wederechtelijk te doen. Wij, naar het voorbeeld van Benedictus XIV, wijs en goed zouden handelen, met alle tot

-ocr page 35-

31

dusverre bestaande aflaten terug te roepen en vervallen te verklaren, en geheel opnieuw eemge anderen aan het Genootschap toe te kennen.

Derhalve, tot bevordering van wat goed en heilzaam is, tot meerdere eer van God, tot krachtiger opwekking van den ijver voor e godsvrucht en andere deugden, vernieuwen en bekrachtigen Wij door deze Constitutie endoor Ons Apostolisch gezag den Regel der zoo naamde wereldlijke Derde Orde van den H. Franciscus, op de wijze als die hieronder e-schreven staat. Men denke echter met dat daardoor iets ontnomen is aan het innerlijk wezen der Orde, want het is Onze uitdrukkelijke wil, dat dit onveranderd en ongeschonden bhjve bestaan. Daarenboven willen en bevelen Wij, dat de leden van die Orde gebruik kunnen maken van de kwijtscheldingen der straffen of aflaten en van de voorrechten, welke m de beneden staande lijst worden opgenoemd, terwijl Wij tevens alle aflaten en voorrechten gehee en al te niet doen, die deze Apostolische Stoel te eenigertijd, onder welken naam of vorm ook, aan dat zelfde Genootschap vóór dezen dag heeft toegestaan.

-ocr page 36-

30

gebreke, in deze zaak voorziening aan te brengen ; met namen, Paus Benedictus XIV zorgde door zijne Constitutie Ad Romamitn Pontificem van den 15 Maart 1751, dat de vroegere twijfelingen opgeheven werden ; doch, zooals gewoonlijk geschiedt, zijn van lieverlede niet weinige andere weer opgerezen.

Door de gedachte aan die ongelegenheden aangespoord, hebben Wij daarom uit de H. Congregatie der Aflaten en H. Reliquiëen eenige kardinalen der H. Roomsche Kerk aangesteld, om den oorspronkelijkeu Regel der Tertiarissen zorgvuldig te herzien, en tevens om alle aflaten en voorrechten in het kort bijeen te brengen en te onderzoeken, en na rijp beraad Ons een verslag uit te brengen over datgene, wat naar hun voordeel, overeenkomstig de tijdsomstandigheden behouden, en wat veranderd moest worden. Na de zaak volgens opdracht ten einde gebracht te hebben, stelden genoemde kardinalen Ons voor, dat men den ouden Regel, door eenige verandering van sommige hoofdstukken, naar de tegenwoordige manier van leven moest wijzigen en daarmede in overeenstemming brengen. Wat nu de aflaten aangaat, waren zij van oordeel, dat, om alle twijfel weg te nemen en het gevaar te vermijden van iets wederechtelijk te doen. Wij, naar het voorbeeld van Benedictus XIV, wijs en goed zouden handelen, met alle tot

-ocr page 37-

31

dusverre bestaande aflaten terug te roepen en vervallen te verklaren, en geheel opnieuw eemge anderen aan het Genootschap toe te kennen.

Derhalve, tot bevordering van wat goed en heilzaam is, tot meerdere eer van God, tot krachtiger opwekking van den ijver voor e godsvrucht en andere deugden, vernieuwen en bekrachtigen Wij door deze Constitutie endoor Ons Apostolisch gezag den Regel der zoo naamde wereldlijke Derde Orde van den H. Franciscus, op de wijze als die hieronder e-schreven staat. Men denke echter met dat daardoor iets ontnomen is aan het innerlijk wezen der Orde, want het is Onze uitdrukkelijke wil, dat dit onveranderd en ongeschonden bhjve bestaan. Daarenboven willen en bevelen Wij, dat de leden van die Orde gebruik kunnen maken van de kwijtscheldingen der straffen of aflaten en van de voorrechten, welke m de beneden staande lijst worden opgenoemd, terwijl Wij tevens alle aflaten en voorrechten gehee en al te niet doen, die deze Apostolische Stoel te eenigertijd, onder welken naam of vorm ook, aan dat zelfde Genootschap vóór dezen dag heeft toegestaan.

-ocr page 38-

34

onzen H. Vader Franciscus; zeer lofwaardig zijn zij, die bovendien des Vrijdags vasten en des Woensdags zich van vleesch onthouden, over-eenkoinstig de oude gewoonte der Tertiarrissen-

§ 5. Elke maand moeten zij hunne zonden behoorlijk biechten en tot de H. Tafel naderen.

§ 6. Daar de geestelijken van de Derde Orde dagelijks hunne getijden bidden hebben zij met betrekking tot dit punt geene verdere verplichting. (1) De leeken, die de Kerkelijke getijden of die der H. Maagd, gewoonlijk het Klein Officie van Onze Lieve Vrouw genoemd niet lezen, moeten eiken dag twaalfmaal het Gebed des Heeren met de Grottenis des Engels en Eere zij den Vader bidden, (2) uitgenomen wanneer zij door ziekte verhinderd zijn.

§ 7. Die een testament te maken hebben, zullen het bijtijds doen,

§ 8. In het huiselijk leven zullen zij zich beijveren, anderen een goed voorbeeld te geven,

1

Op cle vraag van een der Generale Oversten van de Franciscanen, of het aan de priesters en kerkelijken van de Derde Orde nog altijd toegestaan is, het Franciscaner Brevier te bidden, heeft Z. H. Leo XIII in eene bijzondere audiëntie van den ^ Juli 1883 een bevestigend antwoord gegeven,

2

Te weten; vijfmaal voor de metten, eens voor de Lauden, eens voor elk der vier kleine uren en tweemaal voor de Ves-pers en Completen, gelijk Zijne Heiligheid in genoemde audiëntie heeft verklaard.

-ocr page 39-

de oefeningen van godsvrucht en de goede werken te bevorderen. Boeken en nieuwsbladen, waaruit gevaar voor de deugd te vreezen is, mogen zij in hunne huizen niet toelaten, noch dulden dat ze gelezen worden door hunne onderdanen.

§ 9. Niet alleen onderling, maar ook ten opzichte van anderen moeten zij zorgvuldig eene welwillende liefde in acht nemen. Overal waar zij kunnen, zullen zij oneenigheden trachten bij te leggen.

§ 10. Nooit mogen zij zonder noodzakelijkheid een eed doen. Onzuivere taal en onbetamelijke scherts moeten zij vermijden. Des avonds doen zij onderzoek, of zij soms eenigen misslag hebben begaan; bevinden zij zich schuldig, dan zullen zij hunne dwaling door het berouw uitboeten.

§ 11. Die gevoeglijk kunnen, wonen dagelijks de H. Mis bij. Ook moeten zij in de maande-lijksche vergadering, die door den Overste worden aangekondigd, te zamen komen.

§ 12. Zij zullen ieder volgens zijn vermogen, een weinig bijdragen tot een gemeenschappe-lijken inleg, om de minder gegoede medeleden, vooral wanneer die ziek zijn, te ondersteunen, of om den luister van den godsdienst te bevorderen.

§ 13. Wanneer een medelid ziek is, moeten

-ocr page 40-

36

de Overste zeiven hem bezoeken of een ander zenden, om hem de verschuldigde liefdediensten te bewijzen. Is de ziekte gevaarlijk, dan zullen zij den zieken waarschuwen en aansporen, om intijds te zorgen voor alles, wat op de zuivering zijner ziel betrekking heeft.

§ 14. Bij de begrafenis van een medelid zullen de Tertiarissen van de plaats en die daar tijdelijk verblijven, bijeenkomen, en alsdan gezamenlijk tot zalige lafenis van den afgestorvene een derde gedeelte van den Rozenkrans bidden. Ook zullen de priesters in de H. Mis, en de leeken, door, indien zij kunnen, tot de H. Tafel te naderen, voor hun overledene medebroeder den eeuwigen vrede met vrome verzuchtingen afsmeeken.

DERDE HOOFDSTUK.

Over de bedieningen, de visitatie en den Regel zeiven.

§ 1. De toewijzing der bedieningen heeft plaats in eene daartoe bijeengeroepen vergadering der leden. Zij duren drie jaren. Zonder wettige reden mag niemand de aangeboden bedieningen van de hand wijzen; ook moet men zich daarvan niet op achtelooze wijze kwijten.

§ 2, Degene, die met het toezicht over de Tertiarissen belast is en Visitator genoemd wordt, moet zorgvuldig onderzoeken, of de Regal goed

-ocr page 41-

37

wordt onderhouden. Te dien einde zal hij jaarlijks en, zoo noodig, meermalen ambtshalve de plaatsen bezoeken, waar vereenigingen zijn gevestigd, en eene vergadering beleggen, waarbij hij de Oversten en al de leden zal doen tegenwoordig zijn. Wanneer do Visitator iemand vermaant of gebiedt tot zijn plicht terug te keeren, of tegen wien ook, ter heilzame bestraffing, een besluit uitvaardigt, dan zal deze zulks met gewilligheid aannemen en met weigeren de straf te ondergaan,

§. 4. De Visitators worden uit de Eerste of uit de reguliere Derde Orde der Franciscanen gekozen en aangesteld door den Gardiaan, indien aan dezen zulks gevraagd wordt. Het ambt van Visitator mag aan geen leeken opgedragen worden.

§. 4. De leder, die niet gehoorzamen en een kwaad voorbeeld geven, ontvangen tot twee-en driemaal toe eene aanmaning tot hun plicht; onderwerpen zij zich niet, dan wordt hun gelast de Orde te verlaten.

§. 5. Zij, die in eenig punt tegen dezen Regel mochten misdoen, moeten weten, dat zij uit dien hoofde geene zonde bedrijven, tenzij in die zaken, welke reeds anderzins door de Goddelijke of Kerkelijke wetten geboden worden.

§. 6. Indien iemand eenige voorschriften van dezen Regel om gewichtige en wetüge redenen

-ocr page 42-

38

niet zou kunnen onderhouden, dan kan hij in dat gedeelte gedispenseerd of hem daarvoor met omzichtigheid iets anders gezegd worden. De gewone Overste der Franciscanen van de Eerste en Derde Orde, alsook de bovengenoemde Visitators hebben daartoe de bevoegdheid en volmacht.

va-n- 3e ajtalamp;n en voozzamp;camp;tamp;n.

EERSTE HOOFDSTUK.

Over de volle aflaten.

Alle Tertiarissen van beiderlei geslacht kunnen, na volgens Christelijk gebruik hunne zonden door de biecht uitgewischt en de H. Communie ontvangen te hebben, een vollen aflaat verdienen op de dagen en onder de voorwaarden, die hier volgen;

I. Op den dag hunner intrede.

II. Op den dag der professie.

III. Op den dag, dat zij de maandelijksche vergadering of Conferentie bijwonen, mits zij eene kerk of openbare kapel godvruchtig bezoeken en de noodwendigheden der H. Kerk op de gewone wijze Gode aanbevelen.

IV. Den 4. October, feestdag van den H. Vader Franciscus, Stichter der Orde; den 12. Augustus, feestdag der H. Moeder Clara van Assisië; den 2. Augustus, feestdag der Kerk-

-ocr page 43-

39

wijding van Maria, Koningin der Engelen; zoo ook op den dag, waarop het jaarlijksch feest gevierd wordt van den Heilige, in wiens kerk het Genootschap der Tertiarissen is opgericht, mits zij die kerk godvruchtig bezoeken, en aldaar volgens gewoonte bidden voor de behoeften der H. Kerk.

V. Eens in de maand, op een dag naar verkiezing, mits zij eene kerk of openbare kapel godvruchtig bezoeken, en daar eenigen tijd bidden volgens de intentie van Z. H. den Paus.

VI. Zoo dikwijls zij zich, tot vei betering des levens, acht opeenvolgende dagen in afzondering begeven, om de geestelijke oefeningen te houden.

VIL Insgelijks in het uur des doods, indien zij den allerheiligsten naam van Jesus met den mond, of, zoo zij niet meer spreken kunnen, met het hart aanroepen. Ook genieten zij het zelfde voorrecht, indien zij, niet in staat om te biechten en de H. Communie te ontvangen, hunne zonden uitwisschen door een volmaakt berouw.

VIII. Tweemaal in het jaar, wanneer zij den Pauselijken Zegen ontvangen, mits zij God eenigen tijd bidden tot intentie van Z. H. den Paus; zoo ook onder dezelfde voorwaarde des gebeds, wanneer zij den zegen of de zoogenaamde [Generale] Absolutie ontvangen, op de hier volgende dagen 1. Op het feest der Geboorte van onzen Heer Jesu

-ocr page 44-

40

Christus; 2. Op Paschen, het feest der Verrijzenis ; 3. Op het Pinksterfeest; 4. Op het feest van het allerheiligst Hart van Jesus;5. Op het feest van de On\'ievlekte Ontvangenis der H. Maagd Maria; G. den 19 Maart, feestdag van den H. Jozef, Bruidegom der H. Maagd; 7. den 17 September, feertdag van de indrukking der H. Wond-teekenen van den H. Franciscus ; 8. den 25 Augustus, feestdag van den H. Lodewijk, koning van Frankrijk, den hemelschen patroon der derde Orde; 9. den 19. November, feestdag der H. Elisabeth van Hongarije.

IX. Eveneens, indien zij vijfmaal het Onze Vader, en Weesgegroet en Eere zij den Vader bidden voor de noodwendigheden der H. Kerk, en éénmaal tot intentie van Z. H. den Paus, kunnen zij eens in de maand tot uitboeting hunner zonden, alle voorrechten genieten, waaraan degenen deelachtig worden, die de Statiegebeden te Rome houden, of die Portiuncula, de heilige plaatsen te Jerusalem, en de kerk van den H. Apostel Jacobus te Compostella uit godsvrucht bezoeken.

X. Indien zij op de dagen, waarop de Staties, in het Roraeinsch Missaal zijn aangeduid, (1) de

1

LIJST DER DAGEN EN AFLATEN VAN DE STATIES VAN ROME.

Aschwoensd,-g en den vierden Zondag in de Vasten aflaat vaa vijftien jaren en even zooveel quadragenen,

-ocr page 45-

41

kerk of kapel bezoeken, waarin hun genootschap is opgericht, en daar volgens gewoonte aan God de noodwendigheden der H. Kerk aanbevelen.

Palmzondag aflaat van vijf en twintig jaren en even zooveel quadragenen.

Witten Donderdag volle aflaat,

Goeden Vrijdag en Faaschzaterdag aflaat van dertig jaren en even zooveel quadragenen,

Alle andere dagen van de Vasten aflaat van tien jaren en even zooveel quadragenen,

Faasc/idag volle aflaat, en alle dagen van de Paischwsek en Beloken Paschen aflaat van dertig jaren en even zooveel quadragenen,

V Heereji Hemelvaartsdag volle aflaat,

Vigilie vaii finksteren aflaat van tien jaien en even zooveel quadragenen.

Het feest van Finksteren en alle dagen van het octaaf, met inbegrip van Zaterdag, aflaat van dertig jaren en even zooveel quadragenen.

Den eersten, tiveeden en vierden Zojidag van den Advent aflaat van tien jaren eiï even zooveel quadragenen, den derden Zondag van den Advent aflaat van vijftien jaren en even zooveel quadragenen.

De Vigilie van Kerstmis, alsook des nachts en in de Mis van den dageraad, aflaat van vijftien jaren en even zooveel quadragenen.

Den feestdag van Kerstmis volle aflaat.

Den feestdag van den H. StepJia?nis, va71 den H. Joannes Evangelist, van de //.//. Onnoozele kinderen, van de Besnijdenis des IJeeren, van Driekoningen, op de Zondagen Septuagesima, Sexaoesima en Quinquagesima aflaat van dertig jaren en even zooveel quadragenen,

De Quatertemperdagen aflaat van tien jaren en even zooveel quadragenen.

Het feest van den H. Marcus en de drie Kruisdagen aflaat van dertig jaren en even zooveel quadragenen.

-ocr page 46-

42

kunnen zij in die kerk of kapel op de genoemde dagen deelachtig worden aan dezelfde genaden en geestelijke voorrechten, welke de inwoners en vreemdelingen te Rome genieten.

TWEEDE HOOFDSTUK.

Over de gedeeltelijke aflaten .

I. Alle Tertiarissen van beiderlei geslacht, kunnen een aflaat van zeven jaren en zeven quadragenen verdienen, mits zij de kerk of kapel, waarin het genootschap gevestigd is. bezoeken, en aldaar God bidden voor de noodwendigheden der H. Kerk: op den feestdag van de wonderdadige Indrukking der H. Wondteekenen van den H. Franciscus; zoo ook op de feestdagen van den H. Koning Lodewijk, van de H. Elisabeth, koningin van Portugal, van de H. Elisabeth van Hongarije en van de H. Margaretha van Cortona, alsmede op de twaalf andere dagen, naar ieders verkiezing, met goedkeuring van den Overste der Vereeniging.

II. Zoo dikwijls zij in de H. Mis of andere Goddelijke diensten, of bij de openbare en bijzondere vergaderingen der leden tegenwoordig zijn, gastvrijheid verleenen aan behoeftigen, on-eenigheden bijleggen of zorgen, dat zij bijgelegd worden; zoo dikwijls zij eene godsdienstige processie bijwonen, het allerheiligste Sacrament

-ocr page 47-

43

vergezelle, wanneer het omgedragen wordt, of, zoo zij dat niet kunnen, bij het teeken der klok eens het Gebed des Heeren met de Groetenis des Engels bidden; zoo dikwijls zij die zelfde gebeden vijfmaal verrichten, om de noodwendigheden der H. Kerk of om de zielen der afgestorven medeleden Gode aan te bevelen; zoo dikwijls zij een doode ten grave vergezellen, een afgedwaalde op den rechten weg terugbrengen, iemand onderwijzen in de geboden Gods of in andere zaken, noodig ter zaligheid, of zoo dikwijls zij eenig ander dergelijk liefdewerk verrichten, kunnen zij allen voor elk van deze werken een aflaat verdienen van driehonderd dagen.

Al de bovengenoemde aflaten, zoowel volle als gedeeltelijke, kunnen de Tertiarissen, naar verkiezing, toevoegen aan de geloovige zielen 1n het vagevuur.

DERDE HOOFDSTUK.

Over de Voorrechten.

I. Voor depriesters van de Derde Orde is elk altaar, waarop zij de H. Mis lezen, driemaal in de week geprivilegeerd, mits zij hetzelfde voorrecht niet reeds vooreen anderen dagver-kregen hebben.

II. Voor een priester die de H. Mis leest tot

-ocr page 48-

44

lafenis der afgestorven medeleden, zal elk altaar tot verlossing van den overledene geprivilegieerd zijn.

En het is Onze wil, dal al deze dingen in het algemeen en in het bijzonder, zooals zij hierboven zijn verordend, ten eeuwigen dage vast, onveranderd en bekrachtigd blijven niettegenstaande alle Constituties, Apostolische Brieven, Statuten, gewoonten, voorrechten en andere Regelen zoowel van Ons als van de Apostolische Kanselarij, en ondanks alles, wat daarmede in strijd is. Het is derhalve aan niemand der menschen geoorloofd, deze Onze Brieven op eenige wijze of in eenig deel krachteloos te maken. Mocht echter iemand iets dergelijks daartegen durven ondernemen, die moet weten, dat hij de gramschap van den almachtigen God, en van Zijne heilige Apostelen Petrus en Paulus zal inloopen.

Gegeven te Rome bij Sint-Pieter, in het jaar van de Menschwording des Heeren 1883, den 30 Mei, het zesde jaar van Ons Opperpriesterschap.

C. Kard. SACCOXI Pro-Datarius

TH. Kard. MERTEL.

Gezien

van de Curie J OS. DELL\' AQUILLA Burggraaf.

Plaats van het zegel.

Geregistreerd in de Secretarie van de Breven.

J. CUGNONIÜS.

-ocr page 49-

eve-mom

e

ieet

ERDE

ü

\'RDE

/

j

GOEDGEKEURD

de D. iongrcgntie der fifi\'lïgeliniifieu. bij besluit van den 18 Juni 1883.

-ocr page 50-

CEREMONIEEL

OER DERDE ORDE

VAN DEN

9sisora

ARTIKEL I.

-uoo-6 9e Gonlt;jj-ccj,atic^ o| Scn|c«ent{e!gt;, ■wamp;Camp;e cï-fi-c maand o| op a-»t9e«e tijden gehouden wozden.

I. Bij het begin der Congregatie.

Veni, Sancte Spiritus, reple tuoruin cor-da fidelium, et tui amo-ris in eis ignem ac-cende.

Sub tuum prsesidium confugimus, sancta Dei Grenitrix; nostras de-precationes ne despici-as in necessitatibus nostris; sed a periculis cunctis libera nos semper, Virgo gloriosa et benedicta.

Kom, Heilige Greest, vervul de harten uwer geloovigen, en ontsteek daarin het vuur uwer liefde.

Onder uwe bescherming nemen wij onze toevlucht, o Heilige Moeder Gods; verstoot onze gebeden niet in onzen nood, maar verlos ons altijd van alle gevaren, o glorierijke en gezegende Maagd.


-ocr page 51-

47

Respice, beate Pater Francisce, de excelso coelorum liabitaculo, et deprecare pro populo tuo, populo quem ele-gisti, ut serviat coram te omni tempore in ministerio Domini.

Kyrie eleison.

Christe eleison.

Kyrie eleison.

Pater noster, secreto.

V. Et ne nos inducas in tentationem.

R. Sed libera nos a malo.

V. Memor esto Congre-gationis tuae.

R. Quam possedisti ab initio.

V. Domine exaudi ora-tionem meam.

R. Et clamor meus ad te veniat.

V. Dominus vobiseum.

R. Et cum spiritu tuo,

Zie, o gelukzalige Vader Franciscus, van uit de hooge bemel-sche woning neder, en spreek ten beste voor uw volk, dat volk, hetwelk gij uitgekozen hebt, om onder uwe oogen ten allen tijde den Heer te dienen. Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm TJ onzer.

Heer, ontferm U onzer. Onze Vader, in stilte. V. En leid ons niet in

bekoring.

R. Maar verlos ons van

de kwade.

V. Wees uwe Vergadering indachtig. R. Die U van het begin

heeft toebehoord. V. Heer, verhoor mijn

gebed.

R. En mijn geroep ko-

me tot u. V. De Heer zij met u. R. En met uwen geest.


-ocr page 52-

48

OREMUS.

Mentesnostras, quse-sumus Domine, lumine tuse claritatis illustra, ut vider e possimus quae agenda sunt, et quae recta sunt agere va-leamus. Per Christum Dominum nostrum. H. Amen.

In de plechtjge Congreg; Visitatie zingt men in plaa;

Voni. Creator Spiritus,

Meutes tuorum visita.

Imple superna gratia,

Qusetu creasti pectora.

Qui diceris Paracütus,

Altissimi donmn Dei,

F ons vivus, ignis, clia-

ritas,

Et spiritalis unctio.

LATEN WIJ BIDDENt

Wij bidden U,o Heer, bestraal onze harten niet het licht Uwer klaarheid, opdat wij mogen kennen wat wij mogen doen en doen wat rechtvaardig is. Door Christus, onzen Heer. R. Amen.

tie en bij gelegenheid der

5 Van Veni, Santé Spiritus\'.

Kom Schepper, kom, o

Heil\'ge geest. Bezoek de zielen U ge-wijd,

Vervul de harten met gena.

Die Gij ten Schepper zijt geweest.

Gij, die als Trooster

hoog geroemd, Een gaaf des Aller-

hoogsten Gods, Een levensbron, enliel-

de, en vuur, Den geest een zalving wordt genoemd.


-ocr page 53-

Tu septiformis munere,

Digitus paternoe dexte-ree,

Tu rite promissum Pa-tris,

Serinone ditans guttu-ra.

Acceude lumen sensi-bus,

Infunde amorem cor-dibus,

Infirma nostri corporis

Virtute firmans pcrpe-ti.

Hostem repellas lon-gius,

Pacemque dones proti-nus,

Ductore sic te prsevio

Vitemus omne noxium.

Per te sciamus da Pa-trem,

Noseamus at que Fi-lium,

Die door Uw zeven gaven prijkt, Gij, vinger van Gods

rechterhand, Des Vaders mild beloofde gaaf, Die tongen met de spraak verrijkt.

Ontsteekin onzen geest

Uw licht,

Stort in ons hai\'t Uw

liefdegloed.

Versterk de zwakte

van ons vleesch, Met eene kracht, die nimmer zwicht.

Verdrijf den vijand ver ,

en laat Terstond als gave Uw

vrede na.

Opdat wij, zoo door U

geleid,

Voor immer mijden al wat schaadt.

Maak, dat door ons

•steeds zij gekend, De Vader en zijn eenquot; ge Zoon,


4

-ocr page 54-

50

Te que utriiisqne Spi-

ritum,

Credamus omni tempore.

Deo Patri sit gloria,

Ejusque soli Filio,

Cum SpirituParaclito,

Nunc et per omne Sce-culum. Amen.

In den 1

Deo Patri sit gloria,

Et Filio, qui a mortuis

Surrexit, ac Paraclito.

In sseculorum ssecula,

Amen.

V. Emitte Spiritum tuum, et creabuntvr.

R. Et reuo vabis faciem terrse.

En dat we in U als beider geest,

Gelooven tot de tijd volendt.

Des Vaders glorie zij

verbreid, Des Vaders eengeboren Zoon, Des Geestes, die vertroosting schenkt, In aller eeuwen eeuwigheid. Amen.

\'aaschtijd.

Des Vaders glorie zij

verbreid,

Des Zoons, die opstond

van den dood. Des Geestes, die Vertroosting schenkt, In aller eeuwen eeuwigheid. Amen. V. Zend uwen Geest uit, en zij zullen herschapen worden. R. En Gij zult het aanschijn der aarde vernieuwen.


-ocr page 55-

öl

OREMUS.

Deus, qui cordafide-lium Sancti Spiritus il-lustratione docuisti; da nobis in eodem Spiritu recta sapere, et de ejus semper cousolationo gandere. Per Christum Dominum nostrum.

Amen.

2. Bij het einde

Kyrie eleison.

Christe eleison.

Kyrie eleison.

Pater noster, szcreto

V. Et ne nos inducas in tentationem.

R. Sed libera nos a malo.

V. Confirma hoe Deus, quod operatus es in nobis,

R. A templo sancto tuo. quod est in Jerusalem.

LATEN WIJ BIDDEN.

O God, die de harten dor geloovigen door do verlichting van den Heiligen Geest liebton-derwezen, geef dat wij in dienzelfden Geest de ware wijsheid erlangen, en ons altijd over zijne vertroosting verblijden. Door Christus, onzen Heer.

1L Amen.

der Congregatie:

Heer, ontferm U onzer, Christus, ontf. U onzer. Heer, ontferm U onzer Onze Vader, in stilte. V. En leid ons niet in

bekoring.

R. Maar verlos ons van

den kwade. V. Bekrachtig, o God, hetgeen Gij in ons hebt uitgewerkt, R. Vanuit Uwen heiligen tempel, die te Jerusalem is,


-ocr page 56-

52

V. Domiue, exaiuTi ora-

tionem meam. E.. Et clamor mens ad

te veniat. V. Uominus vobiscum. E,. Et cum spiritii tuo.

OREMUS.

Prsesta nobis, (jnre-sumus Domine, auxi-lium gratiiB, tuae. ut qu8e,te auctore,facien-cla cognovimus, te ad-juvante implore valea-mus.

Agimus tibi gratias, omnipotens Deus, pro universis beneficiis tuis. Qui vivis et reg-nas in s;ecula steculo-rum E,. Amen. V. Oremus pro bene-factoribus nostris.

E. Eetribuere dignare, Domine, omnibus nobis bona facientibus propter nomen tuum vitam seternam. Am.

V. Heer, verhoor mijn

gebed.

E. En mijn geroep

kome tot U. V. De Heer zij met U. E. En met Uwen geest.

LATEN WIJ BIDDEN.

Wij bidden U, o Heer, verleen ons de hulp Uwer genade, opdat hetgeen wij door Uwe verlichting als onzen plicht kennen, wij door Uwen bijstand mogen vervullen.

Wij bedanken U, o almachtige God, vooral Uwe weldaden. Die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen.

E. Amen.

V. Laten wij bidden voor onze weldoeners.

E. Gewaardig U, o Heer, aan allen die ons om Uwen naam weldoen, het eeuwig leven te schenken.


-ocr page 57-

53

Antiph. Si iniqnita-tes etc.

Psalm. De profunclis clamavi ad te, Domi-ne; :-!! Domine, exandi vocem meam.

Fiant aures tuge in-tendentes, * in vocem deprecationos meee

Si iniquitates obser-vaveris, Domine: * Do-mine, quis sustineldt ?

Quia apud te propi-tiatio est; * et propter legem tnam sustinui te, Domine.

Sustinnit anima mea in verbo ejus ; * spera-vit anima mea in Domino.

A custodia matutina usque ad noctem, :;:sp -ret Israël in Domino.

Quia apud Dominum misericordia, * et copi-osa apud eum redemp-tio.

Et ipse redimet Israël * ex omnibus ini-quitatibus ejus.

Antiph. Indien Gij de ongerechtigheden enz.

Uit de diepten roep ik tot U o Heer: Heer, geef gehoor aan mijne stem

Laat uwe ooren luisteren naar do stem mijner smeeking.

Indien Gij de ongerechtigheden gadeslaat,o Heer,\\vie,Heer, zal bestaan V

Maar bij U is vergeving, en ter oorzaak van Uwe wet, o Heer, vertiouw ik op U.

Mijne ziel vertrouwt op zijn woord; mijne ziel hoopt op den Heer.

Van den dageraad af tot in den nacht toe, hope Israël op den Heer.

Want bij den Heer is barmhartigheid, en bij hem is overvloedige verlossing.

En Hij. Hij zal Israël verlossen van al zijne ongerechtigheden.


-ocr page 58-

54

Requiem seternam * dona eis Domine,

Et lux perpetua * luceat eis.

Antipk. Si iniquita-tes observa veris l3omi-ne, Domine quis susti-neljit ?

V. A porta inferi

E. Erue, Domine, ani-

mas eorum. V. Domine, exaudi ora-

tiouem mo am. E,. Et clamor meus ad

Te veniat. V. Dominns vobiscum. E. Et cum spiritu tuo.

OREMUS.

Deus, venifB largitor, ethumanaesalutisama-tor, qnsesumus clemen-tiam tuam, ut nostrse Congregationis fra-tres, propinquos et be-nefactores, qui ex hoc SBeculo transierunt, Beata Maria semper Virgine intercedente

Heer, geef liaar de eeuwige rust,

En het eeuwige licht verlichte haar.

Antipk. Indien Gij de ongerechtigheden ga-deslaats, o Heer, wie. Heer, zal bestaan\'? V. Van de, poorten der hel.

R, Verlos, o Heer, hunne zielen.

V. Heer, verhoor mijn

gebed.

E. En mijn geroep kern e tot U. V. De Heer zij met U. E. En met uwen geest.

LATEN WIJ BIDDEN.

O God, gever der genade en minnaar van de zaligheid der menschen, wij smee-ken uwe goedertieren^ heiddatgij aan debroe-ders, bloedverwanten en weldoeners onzer vergadering, die uit dezewereldgescheiden


-ocr page 59-

55

cum omnibus Sanctis tuis, ad perpetuae bea-titudinis consortium pervenire concedas.

Fidelium. Deus, omnium Conditor et E,e-demptor, animabus ta-mulorum famularum-que tuarum remissio-nem cunctorum tribue peccatorum: ut indul-gentiam, quam semper optaverunt, piis sup-plicationibus conse-quantur. Qui vivis et regnas in ssecula ssecu-lorum.

R. Amen.

V. Requiem seternam

dona eis, Domine. E,. Et lux perpetua lu-

ceat eis. V. Requiescantin pace.

R. Amen.

zijn, door de voorspraak van de zalige Maria, altijd Maagd, en van alUvve heiligen, verleenet, dat zij tot de gemeenschap der eeuwige zaligheid geraken.

O God, Schepper en Verlosser aller geloo-vigen, verleen aan de zielen van Uwe dienaren en dienaressen de vergiftenis van alle zonden, opdat zij de kwijtschelding, welke zij altijd verlangd hebben, door godvruchtige smeekingeuverwerven. Die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. R. Amen.

V. Heer, geef haar de

eeuwige rust. R. En het eeuwige licht verlichte haar. V. Dat zij rusten in

Vrede.

R. Amen.


-ocr page 60-

56

ARTIKEL 11.

tyoïyotdc -tij. 3e ink-tcidincj,.

Na het begin der Congregatie gaat de Priester, met koorhemd en witte stool bekleed, op de voettrede des ailaars staan of zitten, en vraagt aan den postulant, die neergeknield is:

Quid postulas ? Deze antzvoordt: ±1. Pater, ego liumi-tcr postulo habitum ïertii Ordinis de Pce-nitentia, ut eum eo sa-lutemseternam facilius consequi valeam.

Wat verlangt gij ? Deze antwoordt: Eerwaarde Vader, ik vraag ootmoedig het kleed der Derde Orde van boetvaardigheid, om daarmede gemakkelijker de eeuwige zaligheid te kunnen bekomen.


Alsdan zegt de priester; Deo gratias, en prijst vervolgens in eene zeer korte aanmaning het heilig besluit van den postulant, waarin hij hem versterkt door de verhevenheid en krachtdadigheid van de Derde Orde aan te toonen. Daarna keert hij zich naar het altaar en zegent de kleederen, zeggende :

V. Adjutorium nostrum in nomine Do-mini.

li.. Qui tecit ccelum et terrain.

V. Onze hulp is in den naam des Heeren.

H, Die hemel en aarde gemaakt heeft.


-ocr page 61-

V. Domine exaudi ora-

tionem meam. R. Et clamor mens ad

te veniat. V. Dominus vobiscum. E,. Et cum spiritntuo.

V. Heer verhoor mijn

gebed,

E. En mijn geroep

kome tot ü. V. De Heer zij met n. E. En met nwen geest.


OREMUS. LATEN WIJ BIDDEN.

Omnipotens sempi-terne Detis, qui per mortem UnigemtiFilii tui Domini nostri Jesu Christi, mundum res-taurare misericorditer dignatus es, ut a morte perpetua nos liberares, et ad gaudia perduee-res Paradisi; respice, qufesimus , pietatis tu£e ocnlo devotam liane familiam tuam, hichodie in nomine tx^o congregatam, cujus famulus tuns B. Eraneis-cus, ut tibi augeatur credentium numerus, extititlnstitutor. Illam super firmam petram, qufe Christus est, con-

Almachtige, eeuwige God, die U in Uwe barmhartigheid ge-waardigd hebt de wereld te herstellen door den dood van Uwen eeniggeboren Zoon,onzen Heer.Jesus Christus, om ons van den eeuwigen dood te verlossen en tot de vreugde des hemels te voeren; werp, smeeken wij U, een genadigen oogslag op deze Uwe godvruchtige vergadering, die heden hier in Uwen naam vereenigd is,waarvan Uw dienaar de zalige Erancisous, de stichter geweest is.


-ocr page 62-

58

firma, ut ab omnibus turbationibus mundi, carnis et diaboli sit secura; etincedensper tuorum semitam man-datorum, meritis acer-bissimae Filü tui pas-sionis, et Immaculatae Matris ejus semperVir-pjinis Mariae, ac B. P. N. Francisci, omnium-([ue Sanotorum, gaudia seterna possideat. Per eumdem Christum, etc.

OREMUS.

Domine Jesu Chris-te, qui tegumen uos-trse mortalitatis indue-re, et in prsesepio pan-nis involvi dignatus es.

ten einde het getal der geloovigen voor U te vei\'meerderen. Bevestig haar op de vaste steenrots, welke Christus is,opdat zij van alle aanvallen van de wereld, het vleesch en den duivel bevrijd zij, en den weg Uwer geboden bewandelende, door de verdiensten van het smartvol lijden van Uwen Zoon, en die Zijner Onbevlekte Moeder, altijd Maagd, en van onzen Zaligen Vader Franciscus en van alle Heiligen, de eeuwige vreugde moge genieten.Door denzelfden Christus, onzen Heer. R. Amen.

LATEN WIJ BIDDEN.

Heer Jesus Christusdie U met onze sterfelijke natuur hebt willen bekleeden en in de kribbe in doeken ge-


-ocr page 63-

59

quique glorioso Confes-sori tuo B. P. N. Francisco tres Ordines in-stituere salubriter in-spirasti, ac eosdempar summon EeclesisePon-tifices, tui Vicarios, approbare fecisti, im-mensamtuEe clementige largitatem suppliciter exoramus, ut lieec indumenta, quae idem B, Franciscus adpoeniten-tise indicium, ac pro valida contra sseculum, carnem et daemonem armatur a commilitones suos fratres de Pceiii-tentia in Tertio Ordine portare constituit, be-nedicere f, et sanctifi-care f digneris, ut hic famulus tuus (vel haec famula tua), ea devote suscipiens, te ita in-duat, ut in spiritu hu-militatis viam maiida-torum tuorum ad mortem usque fideliter per-currat. Qui vivis et wonden worden, en die Uwenroemvollenbelij-der, onzen zaligen Va-derF ranciscus,heilrijk op gewekt liebt, om drie Orden te stichten, welke Gij door de Pausen der Kerk, Uwe plaats-bekleeders, hebt doen goedkeuren, wij smee-ken ootmoedig Uwe onbegrensde goedheid, dat gij deze kleedi gelievet te zegenen f en te heiligen f, welke dezelfde zalige Franciscus gewild heeft, dat zijne metgezellen, de Broeders van Boetvaardigheid in de derde Orde zouden dragen als een teeken van boetvaardigheid en als een krachtig wapen, tegen de wereld, het vleesch en den duivel; opdat deze Uw dienaar (of\\ deze Uwe dienares) die kleeding godvruchtig aannemende, zich zoo-


-ocr page 64-

60

regnas in sseculasascu-lorum.

li, Amen.

Zijn er meer personen dan gebruikt men het mi kelvoud-

Voor de zegening priester:

OREMUS.

Deus, qui ut servum redimereSjFilium tuum per manusimpiorumli-gari voluistij benetlic j quaesumus, cingulum istum; etprsesta lit famulus tuus, qui {vel fa-mulatua, quse) boe pce-nitentise ligamine praa-cingitur, vinculorum ejusdem Domini nostri JesuChristi perpetuo memor existat, tuisque danig mot U bekleede, clatliij (ö/.-zij) in den geest van ootmoedigheid tot den doodtoe getrouw den weg uwei-ge-boden bewandele. Die leeft en beersebt in de eeuwen der eeuwen.

R. Amen.

m het habijt te onvangen. •voud In plaats van het en-

an bet koord zegt de

LATEN WIJ BIDDEN.

O Grod, die om ons slaven vrij tekoopen, gewild bebt, dat Uw Zoon door de banden der goddeloozen gebonden werd; wij bidden U, zegen j dit koord, en geef, dat Uw dienaar [of: Uwe dienares), die zicb met dien band van boet-vaardigbeid omgordt, altijd de koorden van


-ocr page 65-

61

semper obseijiiiis alii-gatum {vel alligatam) se esse cognoscat. Per Uoniinum nostrum Je-sam Cliristmn F ilium tuum, qui tecum etc.

E. Amen.

dieuzelfdeu J esusChris-tus, onzen Heer, iii-daclitig zij, en zich zeiven als voor altijd aan uwen dienst verbonden beschouwe. Door denzelfden Jezus Christus, onzen Heor, Uwen Zoon, die met U leeft en heersclit in de eenheid desH. Greestes. li. Amen.


Hierna besproeit de Priester het KLEED en het KOORD met wijwater, zonder iets te zeggen. Daarna op den ondersten trap van het altaar of op de voettrede neerknielende, heft hij den lofzang Veni Creator aan, dien hij beurtelings met de omstanders ten einde toe leest of zingt; vervolgens wendt hij zich tot den postulant, die vóór het altaar is neergeknield, en zegt:

Exuat te Dominus veterem liominem cum actibus tuis, et cor tuum avert ataseeculi pompis quibus abrenunciasti, duin Baptismmn susce-pisti.

11. Amen.

De Heer onkleede U van den ouden menscli met zijne werken, en keere Uw hart af van de ijdelheden der wereld, waaraan gij verzaakt hebt toen gij het Doopsel ontvingt. 11, Amen.


-ocr page 66-

62

Alsdan hangt hij hem hc zeggende:

Induat te Dominus novum hominem, qui secundum Deum crea-tus est in justitia et sanctitate veritatis. R. Amen.

Hem daarna het koord

Prsecingat te Dominus cingulo puritatis, et extinguat in lumbis tuis liumorem libidinis, ut maneat in te virtus continentise et castita-tis.

R. Amen.

t habijt of het scapulier om,

De Heer beldeede u met den nieuwen menscb die naar God geschapen is in ware rechtvaardigheid en heiligheid. R. Amen.

aangevende, zegt hij;

Do Heer omgorde U met het koord van zuiverheid, en doove in Uwe lendenen de begeerlijkheid uit, opdat de deugd van onthouding en zuiverheid in U blijve. R. Amen.


Eindelijk overhandigt hij hem de BRANDENDE WASKAARS, met de woorden:

Accipe, Frater ca ris-sime {vel Soror carissi-ma,) lumen Christi, in signum immortalitatis tuse, ut mortuus {vel mortua) mundu, Deo vivas, fugiens opera te-

Ontvang, beminde broeder {of zuster) het licht van Christus, tot te eken uwer ontsterfe-lijkheid, opdat gij gestorven zijnde aan de wereld, voor Godlevet,


-ocr page 67-

63

nebrarum. Exurgo a door de werken der mortuis, et illuminabit duisternis te ontvluchte Christus. ten. Sta op van de doo-

den, en Christus zal u verlichten.

R.Amen R.Amen.

Ten siotte heft de Priester, naar het altaar gekeerd, den Psalm aan:

Laudate Dominum, omnes gentes; * laudate eum omnes populi.

Quoniam confirm at a est super nos misericor-dia ejus ; * et veritas Domini manet in seter-num.

Gloria Patri et Fi-lio, * et Spiritui Sancto.

Sicut erat in princi-pio, et nunc, et semper. * et in sgecula sseculo-rum. Amen. V. Confirma Loc Deus quod operatus es in nobis.

R. A templo sancto tuo quod est in Jerusalem.

Looft den Heer, alle natiën, looft Hem, alle volkeren.

Want groot is zijne barmhartigheid jegens ons, en eeuwig duurt des Hoeren trouw.

Glorie zij den Vader en den Zoon en den Heiligen Geest,

Gelijk het was in het begin, en nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen. Amen. V. Bekrachtig, o God, hetgeen Gij in ons hebt uitgewerkt. R. Van uit Uwen heiligen tempel, die te Jerusalem is.


-ocr page 68-

64

V. Salviim fac servum tuum {vel salvam fac famulam tuam).

E. Deus meus, speran-tem in te.

V. Mitte ei Doraine auxilum de Sancto.

li. Et de Siou tuere euni (vel earn).

V. Nihil proficiat ini-micus in eo(velm ea).

R. Et filius iniquita-tisnou apponat no-cere ei.

V. Domine exaudi oration em mcam.

E. Et clamor meus ad Te veniat.

V. Dominus vobiscum.

R. Et cum spiritu tuo

OREMUS.

V. Behoed Uwen dienaar (0/ Uwe dienares).

R. JJie op U hoopt, o mijn (xod.

V. Zend hem (f/haar) o Heer, hulp van uit Uw heiligdom.

R. En bescherm hem (o/ haar) van uit Sion.

V-Devij and winne niets op hem (i?/ haar).

R. En de zoon der ongerechtigheid onder-neme het niet hem^y haar te schaden.

R. Heer, verhoor mijn gebed.

R. En mijn geroep borne tot U.

V. De Heer zij met u.

R. En met uwen geest.

LATEN WIJ BIDDEN.


Deus misericordiae. O God van barm-Deus pietatis. Deus a hartigheid,Grodvange-quo bona cuncta pro- nade, God van wien cedunt, sine quo nihil alle goed voortkomt.

-ocr page 69-

65

sanctum inclioatur. ni-hilque perficitur, pre-cibus uostris benignus assiste, et liunc famu-lum tuum (vel hanc famulam tuam,) cui in tno sancto nomine sacrum poeni entiae habi-tum imposuimus, ab omnibus pcriculis mentis et corporis tua pro-tectionedefende,et concede ei in sancto pro-posito, ad finem usque perseverare, ut pecca-torum suorum remis-sione percepta, ad consortium electorum tuo-rum pervenire merea-tur.

Deus, qui per imma-culatum Virginis Con-ceptionem, dignum Fi-lio tuo habitaculum prseparasti: quaesumus; ut qui ex morte ejus-dem Filii tui praevisa, zonder wien niets heiligs ondernomen of voltrokken wordt, verhoor goedgunstig onze gebeden en bescherm dezen uwen dienaar (of deze uwe dienares),dien(die) wij in uwen naam met het heilig kleed der boetvaardigheid bekleed hebben, tegen alle gevaren der ziel en des lichaams, en verleen hem (of\\ haar) in zijn [oj: haar) heilig voornemen ten einde toe te volharden, opdat hij (of\\ zij) de vergiffenis zijner [of: har er) zonden bekomen hebbende, tot het gezelschap Uwer iiitverko-renen verdiene te geraken.

O God, d e door de Onbevlekte Ontvangenis der H. Maagd eene waardige woonplaats voor uwen Zoon hebt voorbereid; wij bidden U, dat Gij, die, wegens 5


-ocr page 70-

66

earn ab omni labe prse-servasti, nos quoque mundos, ejus interces-sione, ad te pervenire concedas.

Deus, qui mira Cru-cis mysteria in tuo de-votissimo confessore B. Francisco multiformi-ter demonstrasti, da famulis tuis, ipsius semper exempla sectari, et assidua ejusdem Cru-cis meditatione muniri.

VOOR EEN M]

Deus, qui B. Lu-dovicum Confessor em tuum de terreno regno ad ccelestis regni glo-riam transtulisti; ejus, het voorzien van den dood van dienzelfden uwen Zoon, haar van alle smetbewaard hebt, ook ons verleenet van door hare voorspraak vlekkeloos tot U te naderen.

O God, die in uwen van liefde brandenden belijder, den zaligen Franciscus, de wondervolle geheimen van het Kruis op veelvuldige wijze hebt doen uitschijnen, geef aan Uwe dienaren, dat zij altijd zijne voorbeelden volgen, en zich door de aanhoudende overweging van datzelfde Kruis versterken.

O God, die Uwen Belijder, den H. Ludovi-cus, van het aardsche Koninkrijk tot de glorie van her hemelrijk


-ocr page 71-

67

quaesumus, raeritis et intercessione, Regis Regum Jesu Christi Filii tui, facias nos esse consortes. Qui tecum vivit.

R. Amen.

hebt overgevoerd; wij smeeken U door zijne verdiensten en voorspraak, maak ons deel-genooten van den Koning der Koningen, Je-sus Christus, Uwen Zoon, die met U leeft en heerscht in de eenheid des H. Geestes, in de eeuwen der eeuwen.

R. Amen.


VOOR EENE MEDEZUSTER.

Tuorum corda Fide-lium. Deus miserator, illustra, et B. Elisabeth precibus gloriosis, fac nos prospera mun-di despicere, et coelesti semper consolatione gaudere. Per Christum Dominnm nostrum.

R. Amen.

O barmhartige God, verlicht dehartenUwer geloovigen, en doe ons door de roemvolle voorspraak van de zalige Elisabeth den voorspoed der wereld verachten en de hemelsche vertroosting altijd genieten. Door Christus onzen Heer.

R. Amen.


Daarna zegt de Visitator :

V. Domine exaudi ora-tionem meam.

V. Heer, verhoor mijn gebed.


-ocr page 72-

68

R. Et clamor meus ad

te veniat. V. Benedicamus Do no.

R. Deo gratias.

En naar de omstaanders den zegen,

Benedictio Dei om-nipotentis Patris, et Filiifet Spiritus Sanc-ti, descendat super vos, et maneat semper.

R, Amen.

R. En mijn geroep

kome tot U. V. Laten wij den Heer

zegenen.

R. God zij gedankt.

gekeerd geeft hij allen zeggende:

De zegen van den almachtigen God, den Vader en den Zoon f en den H. Geest dale over ü neder en blijve altijd met IJ. R. Amen.


Na liet einde der plechtigheid worden de naam en voornaam van den nieuweling (of van de nieuwelinge), alsmede zijne geboorte-en woonplaats en de dag der inkleeding vol-genderwijze op het register ingeschreven :

Anno Domini . • •, mense . • •, die . . , in Ecclesia N . . . , {vel oratorio vel in loco decenti domus . .,) praesente Fratrum {vel Sororum) Congregatione ;

Infrascriptus ego N. Director {vel Sacerdos facilitate munitus, aut Visitator aut Guardia-mis) habitum Tertii Ordinis Pcenitentium S. Francisci imposui Domino N. N. {vel Dominse N. N.), habenti domicilium in civitate . . . {yel loco . . .)

In quorum fidcm ego scripsi.

-ocr page 73-

69

AETIKEL III.

Volgorde bij de Professie.

I. Op den dag der professie heeft er eene plechtige Congregatie plaats, en het altaar wordt versierd als op feestdagen. De novice, die, zoo mogelijk het volledig habijt der Orde, of tenminste scapulier en koord uitwendig draagt, knielt vóór het altaar op den grond neder, terwijl de priester, in koorhemd en witte stool boven op de voettrede geknield, aanheft;

Vein, Creator Spiritus, etc. (Zie bladz. 48.)

V. Emitte Spiritum tuum et creabuntur.

E,. Et renovabis faciem terrse.

OREMUS.

Deus, qui corda fi-delium Sancti Spiritus illustratioue docuisti ; da nobis in eodem Spi-ritu recta sapere, et de ejus semper conso-latione gaudere.

V. Zend Uwen geest uit, en zij zullen her • schapen worden. R. En Grij zult het aanschijn der aarde vernieuwen.

LATEN WIJ BIDDEN.

O God, die de harten der geloovigen doorde verlichting van den Heiligen Geest hebt onderwezen, geef dat wij in dienzelfden Geest de ware wijsheid erlangen, en ons altijd over zijne vertroosting verblijden.


-ocr page 74-

70

Da, qusesïimus Do-mine, liuic famulo tuo (vel huic famuloe tufB) quem (vel quam) Or-dinis habitu decorare jam dignatus es, ad in choati operis perfec-tionem feliciter perve-nire. Per Christum Dominum nostrum.

E. Amen.

2. Hierna vraagt de Priei aan den novice, die vóór h

Frater X... {vel So-ror N...), quid postu-las?

De novice

R, Pater, postulo admitti ad sanctam professionem in Tertio Ordine S. Francisci,nt in eo nsque ad mortem Deo serviam.

Geef, bidden wij U, o Heer, aan dezen U-wen dienaar fdeze Uwe dienares), dien (die) Grij U reeds gewaardigd liebt met bet kleed der Orde te vereeren, dat bij ipf zij) gelukkig tot de voltrekking van het begonnen werk moge komen. Door Christus onzen Heer.

R,. Amen.

ter, vóór het altaar gezeten im ligt neergeknield :

Broeder N . .. [of zuster N... wat verlangt gij ?

antwoord:

Eerwaarde Vader,ik vraag toegelaten te worden tot de heilige professie in de Derde Orde van den Heiligen Franciscus, om daarin God tot den dood te dienen.


-ocr page 75-

71

Uamp;Deogratias geantwoord te hBbben, zal de Priester de heiligheid der professie, welke de novice gaat afleggen, in weinige woorden doen uitkomen; daarbij moet hij evenwel uitdrukkelijk te kennen geven, dat die professie volstrekt geene belofte in zich besluit, noch eenige andere verplichting die op straf van zonde verbindend i s,en dat de Tertiarissen, volgens den Regel zeiven en volgens de verklaring van den H. Stoel, in geen enkel opzicht eenige andere verplichting in geweten op zich nemen, dan andere Christenen. Echter zal hij den ijver van den novice prijzen en aanmoedigen door de heilzame uitwerkselen der professie aan te toonen uit een öt ander voorbeeld der heiligen, of door andere beschouwingen volgens omstandigheden voor te dragen. Na deze korte aansporing knielt de novice met gevouwen handen vóór den Priester neder, en spreekt het volgend formulier van professie uit:

Ego N. coram Deo omnipotenti, ad hono-rcm Immaculatae B. V. Marife, et B. Patris Francisci omniumque Sanctorum , promitto servare mandata Dei toto tempore vitse mese, et Regulam Ter-tii Ordinis, ab eodem Beato Francisco insti-tutam, juxta tormam aNicolao Papa Quarto et a Leone Decimoter-tio confirmatam ; item satisfacere ad Visitato-

Ik N.beloof in tegenwoordigheid van God almachtig, ter eere van de onbevlekte Heilige Maagd Maria, den Heiligen Vader F ranciscus en alle Heiligen, geheel den tijd mijns levens de geboden Gods te onderhouden, alsook den Regel der Derde Orde, door denzeltden Heiligen Franciscus ingesteld, volgens den vorm, welke door de Pausen Nicolaus den


-ocr page 76-

ris placitum pro transgression ibus contra eamdem Regulam com-missis.

Vierden en Leo den Dertienden is bekrachtigd ; tevens beloof ik, volgens goedvinden van den Visitator te voldoen voor de overtredingen, die ik tegen dezen Kegel mocht begaan.


De Priester voegt daaraan toe:

Et ego ex parte Dei, si hsec observaveris , promitto tibi vitam ee-ternam. In nomine Pa-tris, et Filii j et Spiritus Sancti.

R. Amen.

En ik beloof U van Gods wege, indien Gij dat onderhoudt, het eeuwig leven. In den naam des Vaders, en des Zoons f en des H. Geestes.

R. Amen.


3. Allen staan op; men zingt den lofzang Te Deum Laudamus en aide medebroeders, fdoch alleen de Dis-creten of raadsleden, indien het getal der medebroeders te groot is) geven achtervolgens den vrede aan den nieuwgeprofeste, zeggende: Pax tecum, waarop deze antwoordt: Et cum spiritu tuo. Hetzelfde doen de zusters met hare medezuster.

Te Deum laudamus ; te Dominum con-fitemur.

U, o God, loven wij : U, o Heer, prijzen wij.

U, eeuwige Vader, vereert de gansche aarde.

Te aeternum Patrem omnis terra veneratur.

-ocr page 77-

73

Tibi omnes angeli, tibi cceli et univorsse potestates.

Tibi Cberubim et Seraphim incessabili voce prooiamant.

Sanctus,

San et us,

Sanctus, Dominus, Deus Sabaoth.

Pleni sunt coeli et terra majestatisgloriae tuse.

Te gloriosus Apos-tolorum chorus.

T e prophetarum lau-dabilis numerus.

Te Martyrum candi-datus laudat exercitus.

Te per orbem terrarum sancta confitetur Ecclesia.

Patrem immensse Majestatis.

Venerandum tuum verum et unicum Fi-lium.

U loven alle Engelen, U alle Hemelen en alle Machten,

U roepen de Cherubijnen en Serafijnen zonder ophouden toe:

Heilig,

Heilig,

Heilig, de Heer, Grod der Heirscharen.

Hemel en aarde zijn vol van de heerlijkheid uwer Majesteit.

U looft het schitterend koor der Apostelen.

U prijst de lofwaardige schaar der Profeten.

U roemt het luisterrijk heir der Martelaren,

U belijdt de H. Kerk over geheel de aarde.

Vader der onmetelijke Majesteit.

En uwen aanbid-denswaardigen waren en eenigen Zoon.


-ocr page 78-

74

Sanctum quoquePa-raclitum Spiritum.

Tu Eex glorise, Christ e.

Tu Patris sempiter-nus es Filius.

Tu ad liberandum suscepturis hominem non horruisti Virginis uternum.

Tu, devicto mortis aculeo, aperuisti cre-dentibus regna coelo-rum.

Tu ad dexteram Dei sedes, in gloria Patris.

Judex crederis esse venturus.

Alsmede den H. Geest,den Vertrooster.

Gij, Christus, zijt de Koning der glorie.

Gij zijt de eeuwige Zoon des Vaders.

Gij hebt, toen Gij om ons te verlossen de menschheid aannaamt, den schoot eenermaagd niet geschroomd.

Gij hebt, na den prikkel des doods verwonnen te hebben, den geloovigen het heme Irijk geopend.

Gij zit aan de rechterhand Go dsin de heerlijkheid des Vaders.

Wij gelooven, dat Gij als Rechter zult komen.


Bij het volgende vers knielt men.

Te ergo quaesumus, Daarom bidden wij tuis famulis subveni, U, kom Uwen dienaren quos pretioso sanguine te hulp, die Gij met Uw redemisti. dierbaar bloed hebt

verlost.

-ocr page 79-

75

Aeterna fac, cum sanctis tuis, in gloria numerari.

Salvum fac populum tuum, Domine, etbene-dic lisei editati tuse.

Et rege eos, et extolle illos usque in seternum.

Per singulos dies benedicimus te.

Et laudamus nomen tuum in sseculum et in sseculum sseculi.

Dignare, Domine, die isto,sinepeccato nos custodire.

Miserere nostri, Domine, miserere nostri.

Fiat misericordia tua, Domine super nos, quemadmodum spera-vimus in te.

In te Domine,speravi, non confundar in seternum.

Laat hen alien in de eeuwige heerlijklieid onder uwe Heiligen gesteld worden.

Maak uw volk zalig, o Heer, en zegen uw erfdeel.

En bestuur hen, en verhetze tot in eeuwigheid.

Eiken dag loven wij U.

En wij prijzen uwen Naam in de eeuwigheid der eeuwigheden.

Gewaardig u, o Heer, ons heden van alle zonden te bewaren.

Ontferm U onzer o Heer, ontferm U onzer

Doe Uwe barmhartigheid op ons nederko-men, naarmate wij vertrouwd hebben op U.

Op U, o Heer, heb ik gehoopt, en in eeuwigheid zal ik niet beschaamd worden.


-ocr page 80-

76

Nadat dat het Te Deum gezongen is, zegt men:

V. Confirma lioc Deus, quod operatus es in nobis.

R. Atemplo sancto tuo quod est in Jerusa-lem.

V. Salvmn fac servum tuum (vel salvam fac famulam tuam).

R. Ueus meiis speran-tera in Te.

V. Mitte ei Domine auxilium de sancto.

R. Et de Sion tuere eum (vel eam).

V. Nihil proficiat ini roicus in eo (vel earn)

R. Etfiliusinniquitatis nonapponatnocere ei.

V. Domine exaudi ora-tionem meam.

R. Et clamor mens ad te veniat.

V. Dominus vobiscum.

R. Et cum spiritu tuo.

V. Beki\'aclitig, o God, hetgeen Gij in ons hebt uitgewerkt. R. Van uit uwen heiligen tempel die te Jerusalem is.

V. Behoed Uwen dienaar (of Uwe dienares.)

R. Die op U hoopt, o

mijn God.

V. Zend hem (ö/haar) o Heer, hulp van uit Uw heiligdom. R. En bescherm hem (of-, haar} van uit Sion.

V. De vijand winne niets op hem (lt;?/: haar). R. En de Zoon der ongerechtigheid onder-neme het niet hem (pf\\ haar) te schaden. V. Heer, verhoor mijn

gebed.

R. En mijn geroep

kome tot U. V. De Heer zij met u. R. En met uwen geest.


-ocr page 81-

7

OREMUS.

Deus, cujus miseri-cordiae uon est numerus, et bonitatis infini-tus est thesaurus, piis-simae majestati tuae pro collatis donis gra-tias agimus,tuain semper clementiamexor an tes, ut (^ui petentibus postulata concedis, eosdem non deserens ad praemia futura dis-ponas.

Deus, qui per imma-culatam Virginis Con-ceptionem, dignum Filio tuo habitaculum praeparasti, quaesu-mus, iit (^Ti ex morte ejusdem Filii tui prae-visa, eam ab omni labe praeservasti, nos qiao-que mundos, ejus inter-cessione, ad te perve-nire coucedas.

LATEN WIJ BIDDEN.

0 God wiens barm-hartiglieden zonder tal zijn en wiens goedheid een onuitputbare schat is, wij brengen dank aan Uwe weldadige Majesteit voor de verleende weldaden,en smeeken voortdurend Uwe goedertierenheid, dat Gij, die aan de bid-denden geei\'t hetgeen zij U vragen, hen nimmer verlaat, maar hen tot de toekomstige belooningen geschikt ma-ket.

O God, die door de Onbevlekte Ontvangenis der H. Maagd eene waardige woonplaats voor Uwen Zoon hebt voorbereid; wij bidden U, dat Gij. die, wegens het voorzien v-au den dood van dienzelfden Uwen Zoon, haar van alle smet bewaard hebt.ookons verleenet


-ocr page 82-

Domine Jesu Chris-te, qui, frigescente mundo, ad inflamman-dum corda nostra tui amoris igne, in carne beatissimi Patris nos-tri Francisci passionis tuae sacra Stigmata re-novasti; concede propi-tius; ut, ejus meritis et precibus, crucem jugi-ter feramus, et dignos fructus poenitentiae fa-ciamus.

van door hare voorspraak vlekkeloos tot U te naderen.

O Heer Jesus Christus, die toen de wereld in de liefde verkoelde, om onze harten door het vuur Uwer liefde te ontsteken, de heilige teekenen van Uw lijden in het lichaam van onzen allerzaligsten Vader Franciscns vernieuwd hebt, geef genadig, dat wij door zijne verdiensten en gebeden het Kruis gedurig mogen dragen en waardige vruchten vanboetvaardigheid voortbrengen.


VOOR EEN MEDEBROEDER.

Deus, qui B, Lu-dovicum Confessorem tuum de terreno regno-ad coelestis regni glo-riamtranstulisti; ejus.

O God, die Uwen Belijder, den H. Ludovi-cus, van het aardsche Koninkrijk tot de glorie van het hemelrijk


-ocr page 83-

79

qugesuinus, meritis et intercessione, Regis Re gum Jesum Christi Filii tui facias nos esse consortes. Qui tecum vivit.

R. Amen.

hebt overgevoerd; wij smeeken U door zijne verdiensten en voorspraak, maak ons deel-genooten van den Koning der Koningen, Je-sus Christus, Uwen Zoon, die met U leeft en heerscht in de eenheid des H. Geestes, in de eeuwen der eeuwen.

R. Amen.


VOOR EENE MEDEZUSTER.

Tuorum corda Fide-lium, Deus miserator, illustra, et B. Elisabeth precibusgloriosis, fac nos prospera mun-di despicere, et coelesti semper consolatione gaudere. Per Christum Dominum nostrum.

R.Amen.

O barmhartige God, verlicht dehartenUwer geloovigen, en doe ons door de roemvolle voorspraak van de zalige Elisabeth den voorspoed der wereld verachten en de hemelse he vertroosting altijd genieten. Door Christus onzen Heer.

R. Amen.


-ocr page 84-

80

Deus, qui famulum tuum [vel famulam tuam) a vanitate sae-culi conversum {vel conversam)a(lbravium supernae vocationis as-sequendum accendis; pectori ejus illabcre, et gratiam tuam, qua in te perse ver et,illi infun-de: ut protectionistuae munitus (vel munita) praesidiis, quod te donante promisit, adim-pleafc. et sanctevivendi aliis semper exemplum praebens, ad ea, quae persever antibus pro-missa sunt, aeterna praeraiaperveniat.Par Dominum etc.

R. Amen.

0 God, die Uwen dienaar^/: Uwe dienares) van de ijdellieid der wereld hebt afgetrok ken en hem iof\\ haar,) opgewekt om de kroon der hemelsche roeping te bekomen, daalinzijn (of-, haarj hart neder en stort er de genade van volharding in, opdat hij Cf/zij; door de hulpUwerbescherming versterkt zijnde, vol-brenge wat hij {of: zij) door Uwe genade beloofd heeft, dat hij (of-. zij) aan de anderen altijd een voorbeeld van heiligen levenswandel geve en tot die eeuwige belooning gerake, welke beloofd is aan hen,dievolharden.Door onzenHeerJesusChris-tus, die met U leeft en heerscht in de eenheid des H. Geestes, Godin de eeuwen der eeuwen.

R. Amen.


-ocr page 85-

81

Daarna geeft de Priester aan den nieuw geprofeste den zegen, dien de H. Vader Franciscus aan zijn leerling gaf:

Benedicattibi Domi-nus, et custodiat te. Ostendat Dominus fa-ciem snam tibi, et mi-sereatur tui. Convertat Dominus vultum sunm ad te, et det tibi pa-cem — Dominus te benedicat f- Amen.

De Heer zegene u, en beware u. De Heer toone u zlju aanschijn, en ontferme zich over u. De Heer wende zijne oogen tot u en verleene u vrede. Dat de Heer 11 zegene. f Amen.


Vervolgens over allen :

Benedictio Dei om-nipotentis, Patiis, et Filiifet Spiritus Sancti descendat super vos, et maneat semper.

H. Amen.

De zegen van den Almachtigen God, den Vader eu den Zoon jen den H. Geest dale over u neder enblijve altijd met u.

R. Amen.


Eindelijk geeft hij den nieuwgeprofeste de voeten van het kruisbeeld te kussen, tenteeken der eeuwige liefde tot Jesus Christus en van het altijddurend verbond.

6

-ocr page 86-

82

4. Aanstonds na de Congregatie wordt de verklaring der afgelegde professie op de volgende wijze in het register der professie ingeschreven:

Infrascriptus ego X., Director [vel Sacer-dos) ad professionem in Tertio Ordine Poe-nitentium S- Fransisei admisi Dominum N. N., qui receperat habitum anno..., n-.ense. . . , die. . .. In quorum fidem etc.

volgt de onderteekening van den P. Directeur of van den wettig gemachtigden Priester.

In gevaar van sterven is het den novice vergund de professie te vervroegen en die zelfs te doen bij lederen biechtvader, indien er niet gemakkelijk een gevolmachtigde Priester te vinden is (want de Generale Ministers hebben verklaard, dat in dit geval alle biechtvaders de noodige macht bezitten); doch zulk eene vervroegde professie moet op de registers niet ingeschreven worden vóór den dood van den medebroeder, daar deze, ingeval van herstel, de professie opnieuw moet doen, en zij alsdan opgeteekend wordt.

ARTIKEL IV.

cBijamp;onSe-te Song--r.eij.attc o jquot; (5o-n|eamp;ê ntie dzz taadytcdzii,

Eens in de maand zullen de Pater Visitator of Directeur, de Minister en allen, die eene bediening uitoefenen, alsmede de andere raadsleden afzonderlijk bijeen-

-ocr page 87-

83

komen. De Pater Directeur, of de Visitator of de Gardiaan zal Voorzitter zijn: de Minister, de andere dienstboden en de raadsleden nemen, ieder volgens zijn rang, plaats; daarna zeggen zij;

Veni,Sancte Spiritus etc.

Sub tuum praesidium etc.

Rcspice, beate etc. Kyrie eleiscm, etc. Meutes nostras, etc.

Kom,Heiligen Geest, enz. (Ziebladz 4(j. J

Onder nwe bescherming enz. (Zie bladz AQ.)

Zie, o gelukzalige enz. (Tjie bladz. AlS)

Heer, ontferm onzer, enz. (Zie bladz. 47.

Wij bidden II, enz. (Zie bladz. 48 J


Op het einde dér vergadering wordt gezegd ;

Kyrie eleison.

Christe eleison.

Kyrie eleison.

Pator noster, secreto.

V. Etne nos inducas in tentationem.

R. Sed libera nos a malo.

V. Memor esto Congre-gationis tuBe.

R. Quam possedisti ab initio.

Heer, ontferm u onzer.

Christus,ontferm U onzer.

Heer, ontferm U onzer,

Onze Vader, in stilte.

V. En leid ons niet in bekoring.

R. Maarverlos ons van den kwade.

V. Wees uwe vergadering indachtig.

R. Die U van het begin heeft toebehoord.


-ocr page 88-

84

V. Domlne ex audi ora-

tionem meam.. R. Et clamor mens ad

te veniat. V. Dominus vobiscum. R. Et cnm spiritu tuo.

OREMUS.

Prtesta nobis, quse-sumiis Domine, anxi-lium gratise ttise, ut quse te auctore.iacien-da cognovimus, te ad-juvante implere valea-mus.

Deus, sine quo nihil est validum nihil sanctum, multiplica super nos misericordiam tu-am, ut te rectore, te duce, sic traiiseamus perbonatemporalia.ut nonamittamus aeterna. Per Christum etc.

Agimus Tibi gratias Omnipotens Deus, pro

V. Heer, verhoor mijn

gebed.

R. En mijn geroep ko-

me tot u.

V. De Heer zij met u. R. En met uwen geest.

LATEN WIJ BIDDEN.

Wij bidden U, o Heer, verleen ons de lm lp Uwer genade, opdat hetgeen wij door Uwe verlichting als onzen plicht kennen, wij door Uwen bijstand mogen vervullen.

O God, zonder wien niets krachtig, niets heilig is, schenk ons Uwe overvloedige barmhartigheid, opdat wij, onder Uwe bestiering en geleiding, zulk gebruik maken van de tijdelijke goederen, dat wij de eeuwige niet verliezen. Door Christus, onzen Heer. Amen.

Wij bedanken U, o almachtige God, voor


-ocr page 89-

85

universis boneficiis tuis: qui vivis et regnas in ssecula sseculorum.

R. Amen. V. Benedicamus Domino.

R. Deo gratias. V. Et fidelium animse per misericordiam Dei requiescant in pace.

R. Amen.

al üwe weldaden. Die leett en heersclit in de eeuwen der eeuwen.

R. Amen.

V. Laten wij den Heer

zegenen.

R. God zij gedankt. V. En dat de zielen der geloovigen door Gods barmhartiglieid rusten in vrede. R. Amen.


ARTIKEL V.

ty/wnieamp;inycn.

Men zingt of leest den lofzang Veni, Creator Spiritus, etc. (Zie bladz. 48.)

Na afloop der verkiezing worden de namen der gekozenen bekend gemaakt; daarna zingt men den lofzang Te Deum laudamus.

{Zie bladz. 72.)

Vervolgens:

V. Confirma hoe, Deus, quod operatus es in nobis.

V. Beliraclitig. o God, hetgeen Gij in ons hebt uitgewerkt.


-ocr page 90-

86

11. A templo sancto tuo, qn id est in Je-rusaleiu.

V. Ora pro nobis,Sanc-

ta Dei Genitrix. R. LTt digui efficiamur promissionibnsChristi.

V. Signasti, Domine, servum tutnn Fran-ciscnm.

E. Signis redempüouis

nostras.

V. Domine exaudi ora-

tionem meam. E.. Et clamor mens ad

te veniat. V. Dominus vobiscnm. E. Et cum spiritn tuo.

OREMUS.

Dens, cujns miseri-cordise non est nnrae-rus^ et bonitatis infini-tns est thesaurus, piis-simee majestati tuee pro coHatis donis gra-tias agimus. tuam sem per clementiam exoran-tes, ut qui petentibus

E. Van uit Uwen heiligen tempel, die te Jeruzalem is.

V. Bid voor ons, Heilige Moeder Gods. E. Opdat wij waardig worden de beloften van Christus.

V. Gij hebt o Heer, Uwen dienaar Fran-eisens geteekend. E. Met de teekeïien

onzer Verlossing. V. Heer, verhoor mijn

gebed.

E. En mijn geroep home tot [J. V. De Heer zij met II. R. En met Uwen geest.

LATEN WIJ BIDDEN\'.

O God, wiens barmhartigheden zonder tal zijn en wiens goedheideen onaitputbare schat is, wij brengen dank aan Uwe weldadige Majesteit voor do verleende weldaden, en smeeken voortdurend


-ocr page 91-

87

postulataconcedis.cos-dem non deserens ad prsemia futnra dispo-nas.

Deus, qui per imma-culatam Virginia Con-ceptionem, dignu.ni Filio tuo habitaculum prseparasti, qugesu-mus, ut qui ex morte ejusdem Filii tui prse-visa, earn ab omni labe prseaervasti, nos quo-que nmndos, ejusinter-cessione, ad te perve-nire concedas.

Domine JesnCbris-te, qui, frigescente mundo, ad inflamman-dum corda nostra tui amoris igne, in carne beatissimi Patris nos-tri Francisci passiouis tuop. sacra Stigmata re-

Uvve goedertierenheid, dat Gij, die aan do biddende geeft hetgeen zij U vragen, hen nimmer verlaat, maar hen tot de toekomstige belooningen geschikt ma-ket.

O God, die door de Onbevlekte Ontvangenis der H. Maagd eene waardige woonplaats voor Uwen Zoon hebt voorbereid; wij bidden U, dat Gij, die, wegens het voorzien van den dood van dienzelfden Uwen Zoon, haar van alle smet bewaard hebt, ook ons verleenet van door hare voorspraak vlekkeloos tot U te naderen.

O Heer Jesus Christus, die toen de wereld in de liefde verkoelde, om onze harten door het vuur Uwer liefde te ontsteken, do heilige toekeuen van uw lijden in het lichaam van


-ocr page 92-

88

onzen allerzaligsten Vader Franciscus vernieuwd hebt, geef genadig, dat wij door zijne verdiensten en gebeden bet Kruis gedurig mogen dragen en waardige vruchten van boetvaardigheid voortbrengen.

Die leeft en heerscbt in de eeuwen der eeuwen. R. Amen. V. Laten wij den Heer

zegenen.

R. God zij gedankt.

De zegen enz. Zie bladz. 68.

Dezelfde orde wordt onderhouden bij de verkiezing der medezusters.

ARTIKEL VI.

dcz ^ voitatl®.

Nadat de aankomst van den Visitator bekend gemaakt en de Congregatie bijeengekomen is, zingen de Broeders (of Zustersj de volgende verzen van Psalm CV:

Confitemini Domino Looft den Heer ,

quoniam bonus; * quo- want Hij is goed; want

niam in sseculum mise- zijne goedertierenheid

rieordia ejus. duurt in eeuwigheid.

novastr. concede propi-tius; ut, ejus meritis et precibus, crucem jugi-ter feramus, et dignos fructus poenitentioe fa-ciamus.

Qui vivis et rognas in ssecula ssecuiorum.

R. Amen. V. Benedicamus Domino.

R, Deo gratias. Benedictie etc.

-ocr page 93-

89

Qiiis loqueturpoten-tias Domini,* aiulitas faciet omncs laudes ejus?

Beati qui custodiunt judicium, * et faciunt justitiam in omni tempore.

Memento nostri, Do-mine, in bene placito populi tui: * visita nos in salutari tuo :

Ad videndum in bo-nitate electorum tuo-rum, ad Itetandum in laetitia gentis tuae: ut lauderis cum hsere-ditate tua.

Gloria Patri etc.

V. Memento Congre-

gationis tuse. E. Qnam possedisti ab initio.

OREMUS.

Wie kan des Heeren machtdaden uitspreken, wie al zijnen lof vermelden ?

Gelukkig zijn ze, die doen wat recht is, die de deugd betrachten, ten allen tijde.

Gedenk aan ons, o Heer, in uwe goedheid jegens uw volk, bezoek ons met uw heil.

Opdat wij het geluk aanschouwen van uwe uitverkorenen, ons ver-blij den mogen over de blijdschap van uw volk; opdat Gij geprezen wordet met uw erfdeel.

Glorie zij den Vader enz.

V. Wees uwe vergadering indachtig. R. Die U van liet begin af heeft toebehoord.

LATEN WIJ BIDDEN.


Conscientias nostras, Wij bidden U,o Heer, qutesumus Domine, vi- zuiver onze gewetens sitando purifica; ut ve- door uw bezoek, opdat

-ocr page 94-

90

niens Doranius noster Jesus Christus Films tuns, paratam sibi in nobis inveniat mansio-nem. Qui tecum vivit et regnat etc.

R. Amen.

Daarna : l/eni, Creator

responsorie en de oratii De Visitatie eindigt met !

Benedictus Dominus Deus Israël, * quia vi-sitavit^et fecit redemp-tioneni plebis suae.

Et erexit cornu salu-, tis nobis, *in domo David pneri sui;

Sicut locutus est per os sanctorum, * qui a saeculo sunt, proph eta-rum ejus.

Salu um ex inimicis nostris,:i:et de manu omnium, qui oderunt nos.

Ad faciendam mise-ricordiam cum patri-onze Heer Jesns Christus, uw Zoon, bij zijne komst eenHem voorbereid verblijf in ons vin-de, die met U leeft en lieerscht enz.

R. Amen.

Spi ritus, met het vers,

(Zie bladz. 4S tjiz.) 3t sezan9 van Zacharias:

Gezegend is de Heer, de God van Israel, omdat hij zijn volk bezocht en verlossing gewrocht heeft.

En een reddingshoorn voor ons opgericht in het huis van David, zijnen dienstknecht.

Gelijk hij gesproken had door den mond zijner heilige aloude Profeten.

Redding van onze vij anden en uit de hand van allen die ons haten.

Om barmhartigheid te doen aan or.ze vaderen.


-ocr page 95-

91

bus nostris; * et raemo-rari testamenti siii sancti;

Jusjurandvun. quod juravit ad Abraham , patrera nostrum,ii: da-turum se nobis;

Ut sine timore, de manu inimicorum nos-troruni liberati. * ser-viamus illi,

In sanctitate etjus-titia coram ipso, * 0111-nibus diebus nostris.

Et tu. puer, Proplio-ta Altissimi vocab :ris;

prteibis enim ante faciem Domini parare vias ejus;

Ad dandam scienliam salutis plebi ejus, * in remissionem peccato-rum eorum;

Per viscera miseri-cordise Dei nostri;!i: in quibus visitavit nos Oriens ex alto;

en gedachtig te wezen aan zijn heiligverbond;

Aan den eed, welken hij gezworen beeft aan Abraham, onzen vader, dat hij ons zoude geven.

Dat wij, uit de band onzer vijanden verlost, hem zonder vrees dienen.

In heiligheid en gerechtigheid voor hem, al onze dagen.

En Gij, o kind, zult een Poieet des Aller-hoogstengenoemdwor-dcn, want gij zult den Heere voorafgaan om zijne wegen te bereiden.

Om aan zijn volk kennis des heils te geven ter vergeving hunner zonden;

Door de groote bann-hartigbeid van onzen God, door welke ons de Opgaande uit den lioo-ge bezocht heeft.


-ocr page 96-

92

Illuminare his, qiii in tenebris, et in umbra mortis sedent; * ad di-rigendospades nostros in viam pacis.

Gloria Patri etc.

V. Visitasti terram et inebriasti eam

R. Multiplicasti locu-pletare eam.

OREMUS.

Da famulis tuis, Domino,indulgontiampec-catorum, consolatio-nemvitse, gubernatio-nem perpetuam. uttibi servientes, ad tuam jugiter misericordiam pervenire mereantur.

Familiamtuam, quse-sumus Domine, conti-nua pietate custodi: ut quae in sola spe gratise caelestis innititur, tua

Om te verlichten die in duisternis gezeten zijn en in schaduw des doods, ten einde onze voeten te richten naar den weg des vredes.

Glorie zij den vader, enz.

V. Gij hebt de aarde bezochten overvloedig gedrenkt.

E,. Gij hebt haar groo-telijks verrijkt.

LATEN WIJ BIDDEN.

Geef, o Heer, aan uwe dienaren de vergiffenis der zonden, de vertroosting des levens, voortdurende bestiering, opdat zij U dienende altijd uwe barmhartigheid mogen genieten.

Wij bidden U,oHeer, bewaar uwe dienaren door uwe aanhoudende goedheid, opdat zij, die alleen op de hoop der


-ocr page 97-

93

semper protectione hemelsclie genade steu-muniatur. Per Chris nen, altijd door uwe turn etc. besehermingverdedigd

worden. Door Christus, onzen Heer.

R. Amen. R. Amen.

Ten slotte wordt de zegen met het H. Sacrament gegeven, indien men daartoe verlof heeft; anders sluit men met de gebeden als bij het einde der Congregatie.

ARTIKEL VII.

GVootocfizijtamp;n, die, tnctt tc. ondetfiouden Gij (iet optie Wctv aencs ■nisHioe (2oug.z.C(jatio.

De voorzitter opent de Congregatie met het zingen van Psalm CX:

Confitebor tibi Do-mine in toto corde meo; * in consilio justornm et eongregatione.

Magna opera Domini : * exqnisitain omnes volnntates ejus.

Ik wil u loven, o Heer, uit geheel mijn hart, in den kring der vromen en in de vergadering.

Groot zijn de werken desHeeren, gepast voor alle zijne oogmerken.


-ocr page 98-

94

Confessio et magnifi-ccntia opus ejus * et justitia ejus manet in sseculum sseculi.

Memoriam fecit mi-rabilium suorum, mi-sericors et iniserator Dominus: * escam de-dit timentibus se.

Memor erit in sebcu-lum testamenti sui; * virtntem operum suorum annuntiabit populo suo:

Ut det illis liaeredi-tatem gentium : * opera manuum ejus Veritas, et judicium.

Fidelia omnia mandata ejus: coniirmata in sseculum sseculi, * facta in veritate et se quit ate.

X Redemptionem misit populo suo: * mandavit in seternum testamen-tum suum.

Lof en heerlijkheid is zijn doen, en zijne rechtvaardigheid houdt eeuwig stand.

Hij heeft eene gedachtenis gesticht voor zijne wonderen; barmhartig en genadig is de Heer , Hij verschafte spijs aan zijne vereerders.

Zijn verbond is Hij in eeuwigheid indachtig. Hij gaf aan zijn volk zijne werkkracht te kennen.

Door hun der heidenen erf te geven : de werken zijner handen zijn getrouwheid en recht.

Al zijne geboden zijn onwrikbaar, voor eeuwig vastgesteld , op waarheid en gerechtigheid gegrond.

Hij zond verlossing aan zijn volk; Hij beval zijn verbond voor eeuwig te houden.


-ocr page 99-

95

Sanctum et tenibile nomen ejus : ^ initium sapientise timor Domini.

Intellectus bonus omnibus facientibus eum:* laudatio ejus manetiu sseeulum sseculi. Gloria Patri etc.

V. Sperate in eo omnis congregatio populi.

R. Effundite coram illo corda vestra.

OREMUS.

Omnipotens, sempi-terue Deus, qui miseri-cordia tua lios fideles specialiter aggregasti: in eorum corda, quaesu-mus, Paraclitum qui a te procedit infunde ; il-losque in tua fide et ca-ritatecorrobora.ut tem ■ porali congregatione proficiant ad seternae felicitatis augmentum.

Heilig en geducbt is zijn naam: de vrees des Heeren is Let begin der wijsheid

Recht verstand hebben allen, die daarnaar handelen. Zijn lof bestaat in eeuwigheid.

Glorie zij den Vader enz.

V. Stelt uwe hoop op Hem,gij geheelevergadering des volks, R. Stort voor Hem uwe harten uit,

LATEN WIJ BIDDEN.

Almachtige, eeuwige God, die deze geloo-vigen op eene bijzondere wijze door Uwe barmhartigheid hebt vereenigd ; wij bidden U, stort in hunne harten den Vertrooster, die van U voortkomt, en versterk hen in Uw geloot\' en Uwe liefde, opdat hunne vereeni-


-ocr page 100-

96

Dens, qui de vivis et electis lapidibus aeter-num majestati tuae praeparas habitacu-lum: largire his fideli-bus benedictionem tu-am; ut et ipsi tamquam lapides vivi superaedi-ficentur super lapidem vivum Dominum nostrum J esum Christum Filium tuum.

Defende, quaesumus Domine, Beata Maria semper Virgine intercedente, istam ab omni adversitate familiam: et toto corde tibi pro-stratara, ab hostium propitius tuereclemen-ter insidiis. Per Dominum etc.

E. Amen.

ging op aarde strekte tot vermeerdering van hun geluk in den hemel.

O God, die iiitlevende en uitverkoren stee-nen eene eeuwige woning voor Uwe Majesteit bereidt. Verleen aan deze geloovigen Uwen zegen, opdat ook zij als levende steenen gebouwd worden op den levenden steen, on zen Heer, Jesus Christus, Uw Zoon.

Bewaar, bidden wij U, o Heer, door de voorspraak van de H. Maria, altijd Maagd, dezeUwe dienaren van alle onheil, en wil hen die met een oprecht hart voor U zijn ne-dergeknield, genadig tegen de aanvallen der vijanden beschermen. Door onzen Heer enz. R. Amen.


-ocr page 101-

97

Na vervolgens het Veni Creator en de gebruikelijke gebeden bij het begin der vergaderingen gelezen te Jiebben, benoemt de Voorzitter de personen, die eene bediening moeten uitoefenen. Daarna maakt hij de verschillende dagen in het jaar bekend, waarop de aflaten kunnen verdiend worden, en sluit deze eerste vergadering met het Te Oeum; na den lofzang zegt hij:

V. Benedicamus Pa-trem, et Filium, cum Sancto Spiritu.

R. Laudemus et super-exaltemus eum in saecula.

V. Confirma lioc, Deus, quod operatus es in nobis.

]|. A templo sancto tuo, quod est in Jerusalem.

V. Memor estoCongre-gationis tuae.

II. Quam possedisti aL initio.

Y. Domine exa\\\\di ora-tionem meam.

R. Et clamor meus ad te veni at.

V. Dominus voLiscum.

R. Et eum spiritu tuo.

V. Laten wij den Vader, en den Zoon, en den H. G-eect zegenen.

R. Laten wij Hem in alle eeuwen loven en verheffen.

V. Bekrachtig, o God, hetgeen Gij in ons hebt uitgewerkt.

R. Van uit Uwen heiligen tempel die te Jeruzalem is.

V. Wees TT we vergadering indachtig.

R. Die U van het begin af heeft toebehoord.

V. Heer. verhoor mijn gebed.

R. En mijn geroep ko-me tot üquot;.

V\' De Heer zij met U.

R. Eu met Uwen geest.


7

-ocr page 102-

98

OREMUS.

Deus, cujus miseri-dicE rion est numerus, et bonitatis infini-tus est thesaurus, piis-siime majestati tuae pro collatis donis gra-tias agimus, tuam semper cl emeriti am exoran-tes, ut qui petentibus postulata coneedis, eosdem nou deserens ad prsemia futuio dis-ponas.

Deus, largitor pacis, et amator caritatis; da famulis tuis, in nomine tuo congregatis, veram eum tua volun-tate coneordiam; ut ab omnibus liberentur adversis.

Deus, qui per imma-culatam Virginis Con-ceptionem, dignum

LATEN WIJ BIDDEN.

O God, wiens barmhartigheden zondertal zijn en wiens goedheid een onuilputbare schat is, wij brengen dank aan Uwe weldadige Majesteit voor de verleende weldaden,, en smeeken voortdurend Uwe goedertieren dheid, dat Gij, die-aan de biddenden geeft hetgeen zij U vragen, hen nimmer verlaat, maar hen tot de toekomstige belooningen geschikt maket.

O God, gever des vredes en minnaar der liefde, verleen aan Uwe-dienaren, die in Uwen naam vergaderd zijn, eeno ware overeenstemming met Uwen wil, opdat wij van alle rampen verlostwordcn.

O God die door de Onbevlekt Ontvangenis der H. Maagd eene


-ocr page 103-

99

Filio tuo habitaculum praeparasti,, quaesu-mus, ut qui ex morte ejusdem Filii tui prae-visa, earn ab omni labe praeservasti, nos quo-quemundos, ejus inter-cessione, ad te perve nire concedas.

Deus, quiEcclesiam tuam beati Fraucisci meritis fcetu novae pr o-lisamplificas^ribne nobis ex ejus imitatione terrena despicere, et eselestium donorum semper participatione gaudere.PerDominum eet.

R. Amen.

V, Benedieamus Domino.

R. Deo gratias.

waardige woonplaats voor uwen Zoon hebt voorbereid; wij bidden U, dat Gij, die, wegens het voorzien van den dood van dienzelfden uwen Zoon, haar van alle smet bewaard heb, ook ons verleenet van door hare voorspraak vlekkeloos tot U te naderen.

O Grod,die Uwe Kerk door de verdiensten van den Zaligen Fran-ciscus met nieuwe Kinderen vermeerdex-t; geef ons, dat wij in navolging van hem de aardsche goederenver-achten, en ons in het genot der hemelsche gaven altijd verblijden mogen. Door onzen Heer, enz.

R. Amen.

V. Laten wij den heer

zegenen.

R. God zij gedankt.


-ocr page 104-

100

V. Fidelium aiiimse per V. Dat de zielen der misericordiam Dei geloovigen rusten in

requiescant in pace. R. Amen.

Op het einde geeft hij den zegen met het H. Sacrament, of ten minsten den gewonen zegen, gelijk boven voor den dag der inkleeding gezegd is. (Zie bladz. 68.)

Na de plechtigheid plaatst de Voorzitter, te zamen met degenen, die eene bediening verkregen hebben, het register van aanneming en professie en de andere boeken der Congregatie, met hunne afzonderlijke titels, in het archief gelijk ook de wettige akte der voltrokken oprichting welke akte kan opgesteld worden als volgt:

Anno domini.. . , mense..., die.. . infra-scriptus ego N. Guardianus {vel Visitator aut Director aut Sacerdos facultatibus legi-timis a N. receptis munitus) erexi Congrega-tionem Tertii Ordinis sub invocatione et patrocinio S. N.., in loco. . . , Testibus N. X. prsesentibus. In quorum fidem cum Testibus subscripsi.

ARTIKEL VIII.

QVijamp;c om aan damp; êtziiawssen 9en oïauoamp;iijhcn «.ccjcn li geven.

Krachtens de vergunning van Pans Leo XIII wordt de Pauselijke zegen tweemaal in V jaar

vrede. R. Amen.

-ocr page 105-

101

gegeven volgens het formulier van Bene die-Uis XIV, doch niet op denzelfden dag of dezelfde plaats waarop de Bisschop dien geeft. En aangezien volgens genoemd formulier deze zegen zich tot het volk uitstrekt, kan hij niet aan eiken Tertiaris afzonderlijk, maar aan de gezamelijke Congregatie gegeven worden; zulks moet gedaan worden door den Voorzitter, die verondersteld wordt voor dit geval de macht ontvangen te hebben om dien zegen te geven.— De Directeur of een ander Priester met de nocdige macht voorzien, gaat, in koordhemd en witte stool gekleed, doch niet vergezeld van dienaren, naar het altaar, en daar neergeknield, zegt hij :

V. Adjutorium nostrum in nomine Domini. R. Qui fecit coehim et terram.

V. Salvum fac populum tuum, Domine. R. Et benedic haereditati tuae.

V. Dominus vobiscum.

R. Et cum spiritu tuo.

Daarna zegt hij staande het volgende gebed;

OREMUS.

Omnipotens et misericors Deus, da nobis auxilium de sancto, et vota populi liujiis in humilitate cordis veniam peccatorum pos-

-ocr page 106-

102

centis, tuamque benedictionem postulantis et gratiam, clementer exaudi: dexteram tuam super eum benignus extende; ac plenutudi-nem divinsB benedictionis efPunde; qua bonis omnibus cumulatus, felicitatem et vitam con-sequatur seternam. Per Christum Dominum nostrum. II. Amen.

Benedicat vos Omnipotens Deus, f Pater, et Filius, et Spiritus Sanctus.

R. Amen.

Hierna gaat hij naar den kant van den Epistel en daar staande, geeft hij met een enkel teeken des kruises den zegen, terwij hij met luider stem de volgende woorden uitspreekt:

Benedicat vos Omnipotens Deus, f Pater, et Filius, et Spiritus Sanctus.

R Amen.

ARTIKEL IX.

Srozmufiezamp;n -uau den «ieg-en met voüin a j\'t\'aat voot 9e Scztiató^eri.

Be halven den Pauselijken zegen is nog een andere zegen met vollen aflaat aan de Tertiarissen van den H. Franciscus verleend op zekere dagen des jaars, die men opgegeven

-ocr page 107-

103

vindt in de lijst van de Aflaten (Hoofdst. I. n. Sj toegevoegd aan de bid Misericors Dei Filius, welke Paus Leo XIII, den 30 Mei 1883 heeft .uitgevaardigd.

Formulier door denselfden Opperpriester Leo XIII, voorgeschreven in zijne breve Quo universi van den 7 Juli 1882 ;

Antiph. Intret oratio mea in conspectu tuo, Domine; inclina aurera tuam ad preces nostras; paree Domine, paree populo tuo, quem xedemisti sanguine tuo pretioso, ne in aeter-num irascaris nobis.

Kyrie eleison.

Christe eleison.

Kyrie eleison.

Pater noster, secreto.

V. Et ne nos indueas in tentationem.

R. Sed libera nos a malo.

V. Salvos fac servos tuos.

R. Deus mens, sperantes in te.

V. Mitte eis, Domino, auxilium de Sancto.

R. Et de Sion tuere eos.

V. Esto eis, Domine, turris fortitudinis.

R. A faeie inimici.

V. Nihil profieiat inimicus in nobis.

R. Et fdius iniquitatis non apponat nocere nobis.

V. Domine exaudi orationem meam.

R. Et clamor mens ad te veniat.

V. Dominus vobiseum.

R. Et cum spiritu tuo.

-ocr page 108-

104

OREMUS.

Deus, cui proprium est miserere semper et parcere : suscipe deprecationem nontram, ut nos, et omiies fanuilos tuos, quos delic-torum catena constringit, miseratio tuae pietatis clementer absolvat.

Exaudi, quaesumus Domine, snpplicum preces, et confitentium tibi paree peccatis j ut pariter nobis indulgentiam tribuas benig-ims et pacem.

Ineffabilem nobis, Domine, miserieordiam tuam clementer ostende: lit simul nos et a peccatis omnibus exuas, et a poenis, quas pro his meremur, eripias.

Deus, qui culpa offenderis, poenitentia placaris : preces populi tui supplicantis propi-tius respice; et flagella tuae iracundiae, quae pro peccatis nostris meremur, averte. Per Christum Dominum nostrum. Amen.

Daarna zegt men:

Confiteor etc. Misereatur etc. Indulgentiam etc.

De Priester vervolgt ;

Dominus Nos ter Jesus Christus, qni beatO\' Petro Apostolo dedit potestatem ligandi atque solvendi, ille vos absolvat ab omni vinculo delictorum, ut habeatis vitam aeternam, et vivatis in saecula saeculorum. Amen.

-ocr page 109-

105

Per sacratissimam Passionem et mortem Domini Nostri Jesu Christi, precibus et me-ritis beatissimfe semper Virginis Marise, bea-torum Apostolorum Petri et Pauli, beati Pa-tris Nostri Francisci, et omnium Sanctorum, auctoritate a Sumnms Pontificibns mihi con-cessa, plenariam Indulgentiam omnium pecca-torum vestrorum vobis impertior. In nomine Patris, et Filii f et Spiritus Sancti. Amen.

Dndien deze aflaat omnilielijli na de alsoluti6 in de Viecljt verleend -wordt, lecjint de priester, met vjecjlating fan al Ijet overije, terstond met de woorden: Dominus noster J esus Christus etc., en vervolgt die tot Tjet einde met verandering alleen van l)et meervoud in Ijet enkelvoud.

3\\iocl)ten de omstandiyljeden niet toelaten den geljeelen vorm te gebruiken, dan kan de ^riestery met -weglating van al l)et overige, zeggen\'.

Auctoritate a Summis Pontificibus milii coucessa plenariam omnium peccatorum tuo-rum Indulgentiam tibi impertior. In nomine Patris, et Filii j et Spiritus Sancti.

R. Amen.

--OoX)-

ARTIKEL X.

£Wgt;oofutis \\n liet um 9es doods.

Om een vollen aflaat aan de Tertiarissen in het uur des doods te verkenen, zal de P. Di-

-ocr page 110-

106

recteuf of iedere goedgekeurde biechtvader, door den Tertiaris ontboden, gebruik maken van het formulier, door Benedictus XIV en opnieuw door Leo XIII voorgeschreven en in het Ro ■ meinsch Ritueel ingelascht, zooals volgt:

Oe kamer, waarin de zieke ligt, binnentredende, zegt hij:

V. Pax liuic doimii.

H. Et omnibus habitantibus in ea.

Vervolgens besproeid hij den zieke, het vertrek en de omstanders met wijwater, onder het uitspreken van de Antiphoon:

Asperges me Domine, liyssopo, et munda-bor: lavabis me, et super nivem dealbabor; en het eerste vers van den Psalm Miserere met Grloria Patri, etc. Sicut erat etc. Daarna herhaalt hij de Antiphoon Asperges me etc.

V. Adjutorium nostrum in nomine Domini.

it. Qui fecit coelum et terrain.

Ant. Ne reminiscaris Domine, delicta famuli tui (vel ancillai tuse) neque vindictam sumas de peccatis ejus.

Kyrie eleison.

Christe eleison. Kyrie eleison.

Pater noster, in stilte.

Et ne nos inducas in tentationem.

Sed libera nos a malo.

-ocr page 111-

107

V. Salvum fac servum tuum (vel salvam f\'ac aucillam tuam.)

R. Deus mens, sperantem in te.

V. Domine exaudi orationem meam.

R. Et c\'amor meus ad te veniat.

V. Dominus vobiscum.

R. Et cum spiritu tno.

ORATIO.

ClementissiineDeus, Pater misericordiarum» et Deus totius consolationis, qui iveminem vis periro in te credentem atque sperantem, se-cundum multitudinem miserationum tuarum respiee propitius famulum tuum N. (vel fa-mulam tuam,) quem (vel quam) tibi vera fides et spes christiaua commeudant. Visita eum (ï\'e/eam) in salutari tuo, et per Unigeniti tui passionem et mortem, omnium ei delictorum suorum remissionem et veniam clementer indulge; ut ejus anima, in hora exitus sui, te judieem propitiatum inveniat, et in Sanguine ejusdem Eilii tui ab omni macula abluta, tran-sire ad vitam mereatur perpetuam. Per eum-deii Christum Dominum nostrum. Amen.

Hierna bidt een der aanwezige kerkelijken het Confiteor. waarop de Priester zegt Misereatur, etc.; en vervolgens:

Dominus noster Jesus Christus, Eilius Dei vivi, qui beato Petro Apostolo suo dedit po-

-ocr page 112-

108

test atom ligandi atque solvendi: per suam piissimam misericordiam recipiat confessionem tuam. et restituat tibi stolam primam, fjuam in Baptismate recepisti ; ot ego, faculate mi-hi ab Apostoliea Sede tributa, indulgentiam plenariam, et remissionem omnium peccatorum tibi concedo. In nomine Pal ris, et Filii f ct Spiritus Sancti.

Per sacrosancta liumanrs reparationis listeria, i-emittat tibi omnipotens Deus, omnes praesentis et futnrse vitte pcenas, Paradisi portas aperiat, et ad gaudia sempiterna per-duc.t. Amen.

Benedicat te omnipotens Deus, Pater, et Filius f et Spiritus Sanctus. Amen.

Maar indien de zieke zoo den dood nabij is. dat er voor de algemeene schuldbelijdenis en de gebeden geen tijd meer is, dan verleent de Priester den aflaat, door te zeggen : Oominus fJoster.

En ingeval de dood onmiddelijk dreigt te zijn, zal hij zeggen:

_ Indulgentiam plenariam et remissionem omnium paceatorum tibi, concedo in nomine Pa-tris, et Filii f et Spiritus Sancti. Amen.

-ocr page 113-

109

AANHANGSEL

Secj.isni-ncj\' van -Pi.ct -fVooz^js van den

3C. cfzavvcticvio.

De Priester, met de noodige macht voorzien, gekleed in koorhemd met de stool, overeenkomstig den tijd, zegt:

V. Adjutorium nostrum in nomine Domini.

E,. Qui fecit coelum et terrain.

V. Domine exaudi orationem meam.

R. Et clamor mens ad te veniat.

V. Dominus vobiscum.

R. Et cum spiritu tuo.

OREMUS.

Omnipotens et misericors Deus, oramus immensam clementiam tuatn, ut kano chordam (w/ lias cliordas) benedicere f et sanctificare f digneris, ut quicumque sub invocatione S. Francisei ea cinctus fuerit (ci?/ cincti fuerint), et misericordiam tuam imploraverit {zv/ iniploraverint) veniam et indulgentiam tuse sanctai misericordise eonsequatur (vs/ consequantur).

Deus, qui ut servum redimeres, F ilium tuum per manus impiorum ligari voluisti, benedic. f quaesumus; cingulum istum: et prsesta; ut famulus tuus, qui (ve/ famula tua, quae) hoc poenitentise ligamine praecingitur, vinculorum ejusdem Domini Nostri Jesu Cliristi perpetuo memor existat, tuisque semper obse-quiis alligatum (vfS alligatam) se esse cogno-scat, Per Dotninum Nostrum etc. R. Amen.

-ocr page 114-

no

Hierna besproeit hij het koord met wijwater, ett omgord den medebroeder, zeggende:

_ Accipc chordam E. P. K Francisci. ut sint lumbi tui praecincti, in signum con-tinentiee, et castitatis. In nomine Patris, et Filii f et Spiritus Sancti, R. Amen.

OREMUS.

Deus, qui B. Petro Apostolo tuo, signifi-cans qua morte clarificaturis esse Deum, prsedixisti ipsum in sennectute ab alio fore cingendum; famulum tuum (vel famulam tuam), quem {vel quam) cingulo nostras Fraterni-tatis praecingimus, tua, qusesumus, caritate prtecinge, tui nominis salutari metu cons-tringe, et cor ejus alliga tuorum ligamine mandatorum, ut auxilio gratise liberatus (vel liberata) a mundo vinctus (vel vincta) ser-vitio, in devotione, quam assumit, usque in finem jugiter perseveret. Quivivis et regnas in ssecula sseculorum. R. Amen.

Zijn er meer personen om het koord te ontvangen, dan gebruikt men het meervoud in plaats van het enkelvoud.

Daarna:

Ego autetoritate qua fungor, et mihi con-cessa est, recipio te (vel vos) et suscipio ad participationem omnium bonorum spiritua-lium, quae in toto Ordine Seraphiei Patris nos-tri Francisci ex gratia Dei habentur. In nomine Patris et Filii j et Spiritus Sancti. Amen.

Benedictio Dei omnipotentis Patris, et Filii f et Spiritus Sancti descendat super te (vel vos) et maneat semper. R. Amen.

-ocr page 115-

Ill

BLADWIJZER.

Bladz.

q

Aan den lezer.......

Encycliek van Z. H. Leo XIII over den H. Franciscns van Assisië en de verspreiding der Derde Orde. ... 4

Apostolische Constitutie over den Regel der wereldlijke Derde Orde van

den H. Franciscns........ 2»

Regel van de Derde Orde. . . . 32 Lijst van de aflaten en de voorrechten...........

Ceremonieel der Derde Orde van den H. Franciscns. Gebeden voor de Congregaties of Conferenties, welke elke maand ot op andere tijden gehouden worden. ....... 46

Volgorde bij de inkleeding. . . 06 Volgorde bij de professie. ... 69 Bijzondere Congregatie of Conferentie der raadsleden...... 82

Verkiezingen. . ......

Plechtigbeid der Visitatie . . • 88-Voorschriften die men te onderhouden heeft bij het oprichten eener nieuwe Congregatie........ 93

-ocr page 116-

112

Bladz.

Wijze om de Tertiarissen den Pan-

selijken zegen te geven..... 100

Formnlier van den zegen met vollen aflaat voor do wereldlijke Tertiarissen............ 102

Absolutie in Let uur des doods. , 105 Aanhangsel. — Zegening van het koordje van den H. Franciscus. . . 109

IMPRIMATUR.

Werthse, 4 Oct. 1883.

Fr. J. TRIX Ord. Min.

Min. Prov. Germ. Inf.

-ocr page 117-
-ocr page 118-
-ocr page 119-