-ocr page 1-
-ocr page 2-
-ocr page 3-
-ocr page 4-

Tl

1 ts

fSTO(

-ocr page 5-

/Jl v ! tyk

TEN CtEBRÜIRE der bedevaartganamp;ers

KAATSHEUVEL. WAALWIJK EN OMSTREKEN k NAAR HET GRAF DER NEGENTIEN HH. MARTELAREN VAN

GORKUM

U T

■ v^\' t

«j

,iw

T1LBUEG.

iSTOOMURI kKKtilJ VAN HET E. 1L JoNGEN8-W»ESFfÜT8. 1 8 8 ft.

-ocr page 6-

TOT MEEKDEKE EEK EN VERHEERLIJKING VAN

JESUS.

ONZEN GE2EGENDEN VERLOSSER.

rjBJSi KONING- DEK TVI AK\'J\'E CAEE N ,

IHlil DE SLLESIIEILISSIE llEOEllffl

MAMA

EN VAN DE XIX HH. MARTELAREN .

DIE TIE BRIELLE ,

OP DEN VADERLANDSCHEN G-ROWD ,

Yoor liet geloof Mn Moed pstort lieliiieii,

-ocr page 7-

VOORWOORD.

Hoewel hoofdzakelijk bestemd ten gebruike der bedevaartgangers voor den dag hunner jaarlijksehe bedevaart naar Brielle, zal nochtans het „Handboekjequot;, naar wij vertrouwen, ook op andere tijden en ook aan die leden der Broeder\' schap, welke aan de bedevaart niet deelnemen, goede diensten kunnen bewijzen. Wij hebben daarom in het eerste gedeelte, behalve hetgeen, meer rechtstreeks op da bedevaart betrekking heeft, do geschiedenis van het lijden en den marteldood der Heilige Martelaren, uit geloofwaardige bronnen geput, opgenomen , terwijl het itceede gedeelte eenc novene met overwegingen en verschillende gebeden bevat, die ook buiten den dag der bedevaart met vrucht, zullen kunnen gebezigd worden. Fh het derde

-ocr page 8-

-\'«.rst.: X--

gedeelte, vindt men de reeds vroeger uitgegeven gezangen . doch thans met enkele vermeerderd, zoodat den bedevaartgangers eene ruime keuze daarvan wordt aangeboden.

Moge het boekje, onder God* zegen, strekken tot beoordering van de godsvrucht tot onze Nederlandsche Martelaren ; moge het den bedevaartgangers van nut zijn om den dag der bedevaart op eene waardige wijze te heiligen, en moge het vooral allen aansporen om de deugden, waarvan Gorhimis Heiligen ons het voorbeeld gaven, met ijver na te volgen, opdat allen ook eens in hunne vreugd mogen deelen

W. 18 Februari 1889.

-ocr page 9-

EERSTE GEDEELTE.

BEDEVAART.

Gesehi edenis.

-ocr page 10-
-ocr page 11-

REGLEMENT VOOR DE BEDEVAARTGANGERS.

i.

J12i

11\' J.el doel, dat de bodevaartgangers ziek moeten voorstellen en bij hunne geboden en geestelijke liederen op bot oog hebben, is, bij de graven der HH. Martelaren, eu door Ixunne voorspraak , van God af te smoeken de spoedige zegepraal der H. Kerk, en bei welzijn van haar Opperhoofd Z. H. den Paus.

Ieder kan zich hierbij eene andere intentie maken tot verkrijging oener geestelijke of tijdelijke gnnst.

2.

Het uur en de plaats van vertrek der processie zullen te voren worden bekend gemaakt. Ieder zorge bijtijds aanwezig te zijn.

3.

De bedevaartgangers zullen zich gedurende dc geheele reis ordelijk en stichtend gedragen, en zich in alles ondergeschikt toonen aan den Weleerw. Bestuurder of Geleider , alsmede aan diegenen, welke hem in het bewaren der orde behulpzaam zijn.

-ocr page 12-

i.

Onderweg liouden de pelgrims zich bezig nier bidden of met iiet zingen van godsdienstige liederen. Het zingen of luidop bidden mag niet geschieden in de straten en tusschen do huizen der dorpen, welke zij doortrekken.

i).

üt; uren dei\' reis op de boot worden afgewisseld door oefeningen van gebed en zang. — Op het gegeven teeken honden alle gesprekken op om gezamenlijk de gebeden enz. te beginnen.

6.

ïusschen de oefeningen is er rijd om zich eenigs-zins te ontspannen.

Gedurende de gebeide reis blijven de mannen en vrouwen afzonderlijk.

7.

Bij de aankomst te Erielie begeven zich allen in godsdienstige stemming aanstonds naar het martelveld. !Na de aankomst dor pelgrims wordt eenr plechtige H. Mis gezongen. waarna preek.

8.

Na de Mis wordt het nur bekendgemaakt, waarop het Lof begint, waaronder processie op het Martelveld. Alle. pelgrims worden dringend verzocht daaraan deel te nemen. Ka bet Lof vertrekt de bod op het aangewezen uur.

-ocr page 13-

EEN WOORD OVER DE BEDEVAART NAAR BRIELLE.

au, de eerste i ijdeii des Uhi-istendoms tot op-den dag van heden voe zijn de bedevaarten in gebruik geweest. De heilige plaatsen, waar onze Goddelijke Verlosser had geleefd en geleden en die door zijn lijden en dood waren geheiligd , werden reeds van den beginne af en voortdurend door groote scharen geloovigen bezocht. De grootste Heiligen, gekroonde hoofden zoowel als eenvoudige christenen, rijken en armen, togen heen naar het Heilige Land, ten einde aldaar hun geloof te verlevendigen en Gods gunsten voor zich of voor anderen af te smeeken. Evenzeer als dit het geval was met die plaatsen , die door het Heilig Bloed van den Zaligmaker als waren bevochtigd, had dit ook zeer spoedig plaats mei; andere , waar of wel God op eene bijzondere en buitengewone wijze, door wonderen namelijk, getoond had dat Hij bij voorkeur wilde vereerd worden, — of wel naar het voorbeeld van hun G oddelijken Meester, de HH., Apostelen en andere Martelaren hun bloed hadden ven beste gegeven voor het geloof aan Jesus\' leer.

Ons vaderland bezit tal van dergelijke plaatsen, die reeds van af de oudste tijden door de Katholieken als bedevaartplaatsen werden in eere gehoudan en die ook thans nog door een steeds toenemend aantal pelgrims worden bezocht. Wij behoeven hier slechte te wijzen op de pelgrimstochten naar de Zoete Lieve Vrouw van \'s Posch, O. L. Vr. van het Zand te

-ocr page 14-

10

Roérmond, cu op zooveel andere, ook in ons bisdom, die reeds sinds eenwen en eeuwen vermaard zijn. Een dezer heilige plaatsen, welke reeds vroeg eene menigte van vrome bedevaartgangers tot zich trokken, is mede het martelveld te Brielle, waar de Negentien IIH. Martelaars van Gorknm met hnn bloed de aloude loer der Katholieke Kerk bevestigden. Eeeds onmiddellijk bijna na Imn roemrijken marteldood ging men, in stilte althans, — wegens de vervolging cn verdrukking, die nog jaren lang de Kerk in onze gewesten Lad te verduren, — bidden op de graven dier heilige en roemrijke Bloedgetuigen. Hoezeer deze godsvrucht aan God welgevallig was, bleek weldra nit de bijzondere gunsten, die God door de voorspraak der HH. Martelaren wilde ver-teenen en door do buitengewone en wonderdadigr genezingen, die aldaar plaats hadden. Het kon steker wel niet anders of de spoedig gevolgde Zaligverklaring der roemrijke geloofshelden door Paus Clemens X — den 24 November 1075 — moest deze geheime en stille tochten ten zeerste bevorderen. Een nienwe aansporing en opwekking daartoe, -thans echter zon men die niet meer in het geheim en als ter slniks behoeven te doen, — was de Heiligverklaring dierzelfde Martelaren door Pans Pins IX in het jaar 1867. Van heinde en verre wordt, sinds dien tijd vooral, het martelveld te Brielle door scharen van pelgrims bezocht , die op do plaats, waar het bloed dier Nederlandsoho Heiligen , onze vaderen in het geloof, heeft gevloeid, in vrome overpeinzing en in een aandachtig gebed komen nederknielen. Mogen ook die bedevaarts-

-ocr page 15-

11

toch Mm niet met dieu openbaron luister plaats grijpen , die elders in geheel katholieke streken van liet levendig geloof dor deelnemers getuigt, de godsdienstzin der Nederlanders heeft zich evenwel op schitterende wijze ook hier geuit. Door de talrijke offers namelijk der vrome pelgrims werd de kerkelijke overheid in staat gesteld , eene passende bedevaartkapel te stichten op het rondom afgesloten martelveld, waar de heilige geheimen van onzen godsdienst naar behooren kannen worden verricht en vraar door luisterrijke optochten, door gemeenschappelijke gebeden en gezangen en anderszins op eene passende wijze aan de godsvrucht der geloo-vigen wordt tegemoetgekomen. (*)

Ten einde die pelgrimstochten nog meer te bevorderen , wilde ij. H. Pius IX de schatten der Kerk ontsluiten en verleende hij een wlle/i aflaat, ook toevoeglijk aan de Zielen in het vagevuur, aan alle geloovigen, die in de maanden Juni, Juli en Augustus, na gebiecht en gecommuniceerd te hebben, de graven der HH. Martelaren bezoeken en aldaar cenigen tijd godvruchtig bidden voor de uitbreiding des geloofs en tot intentie van Z. H., terwijl men bovendien een gedeeUetijken aflaat van

(*) Dc processie van Kuatskeuvel, Waalwijk rn omstreken, was de curste Nuderlandsche processie, welke hare god» dienstoofeningen in de nieuwe kapel heeft gehouden; cn het was een der zonen van den H. Fpil^ilr E. P. Ireneüs, (,\'apueijn , die het eerstj^ÉctJmepbftox ,, voöt.de leden dier Broederschap namcluJ^^AJfeuige\'Jfisoffcrapi*. daarin mooht opdragen. Wij /Mrttpn gemeend dezo geschied kundige bijzondorheid hier ^Bjiteejceneii, ^

/v V. V b■

V

-ocr page 16-

zeven jaren o;n zevenmaal veertig dagen kan verdienen door op den 9quot; Jnli godvruclitig het grai\' der Martelaren te bezoeken.

In verschillende parochiën werden nu ook weldra Broederschappen opgericht, die ten doel hadden de vereering der HH. Martelaars van Gorkum te bevorderen en gemeenschappelijke bedevaarten naar Brielle, dc plaats van hun roemvollen marteldood, te ondernemen. Eene dergelijke Broederschap werd in 1876 kerkelijk opgericht in de parochiekerk van Kaatsheuvel, waarbij do parochianen der omliggende plaatsen , Waalwijk , Baardwijk, Besoyen . Loon-op-Zand, Dnssen en H. Mariapolder zich hebben aangesloten (1•). Wij laten hier achter het Bijzonder Eeglement der Broederschap volgen . gelijk het door Z. D. H. Mgr. J. Zwijsen . Aartsbisschop-Bisschop van \'sBoscli, onder dagteekening van 7quot; Augustus 1867 is goedgekeurd.

Overbodig zou het zeker zijn, bij de zoo uitdrukkelijke goedkeuring van onzen Allerheiligsten Vader en van onzen doorluchtigen Kerkvoogd iets te voegen, om ons tot deelneming aan de Brielsche bedevaart nan te sporen. Wel echter moge hier een enkel woord plaats vinden over hetgeen men vooral daarbij heeft

1

Wij mogen echter hiel aiot verzwijgen, dat tal van geloovigen uit Kaatsheuvel en omstreken , doch vooral uit Kaatsheuvel, dc oprichting dier Broederschap niet hadden afgewacht, om zich in bedevaart naar het graf der HH. Martelaren te begeven. In grooten getale zelfs begaf men zich daarheen, en de kanonieke oprichting deed dit getal in de volgende jaren zóózeer toenemen, dat men nauweüjkF aan alle aanvragen tot deelneming kou voldoen.

-ocr page 17-

in aciit to uemeii. ten einde des te overvloediger geestelijke wachten daarait te trekken.

Het spreekt van zelf, dat alle al te luidruchtige en n eroldsche handelingen en gesprekken ten strengste van elke bedevaart behooren geweerd te worden Van daar ook dat door onze bijzondere .üeglementen, daar waar het gevoeglijk en behoorlijk kan geschieden . eene zeer zorgvuldig te onderhouden scheiding tasschen de mannelijke en vrouwelijke pelgrims is voorgeschreven. Zonder voorkennis en goedkeuring der Jïroedermeersters of Geestelijken , die de processie begeleiden, mag deze bepaling door niemand . wie ook . overtreden worden. Ook alle andere bepalingen en verordeningen, die gemaakt zijn met het oog op misbruiken van welken aard ook . .moeten door allen nauwkeurig worden nageleefd.

Daar de bedevaart eene godsdienstige handeling . eene oefening van godavracht is , behoort men zich door eene bijzondere ingetogenheid en zedigheid te onderscheiden. Deze ingetogenheid moet zich vooral openbaren bij de gemeenschappelijke gebeden en gezangen, die gedurende de heen- en wederreis elkander afwisselen. De bedevaartgangers behoorei elkander wederkeerig te stichten en tot wezenlijke godsvrucht op te wekken en vooral te zorgen, dat op geenerlei wijze eenige storing in de oefeningen plaats hebbe, die anderen tot ergernis zou kunnen zijn. Zij moeten zich dan ook in alles onderwerpen aan de beschikkingen der Eerwaarde Geestelijken en Broedermeesters.

Behalve om de bijzondere gansten en. genaden. die ieder voor zich dooi\' de tnssehenkomst der HH.

-ocr page 18-

u

Martelaar» vaa God wengcit te verkrijgen, zal men vooral bidden voor hei welzijn en de zegepraal der Kerk, inzonderheid voor dm bloei en den luister der Kerk in Nederland en voor het welzijn van onzen allerheiligsten Vader, den Paus.

Aanbevolen worden de volgende bijzondere inten-iiën:

1. üm Gods zegen over de Bedevaart af te smeelien.

2. Voor onzen allerheiligsten Vader den Pans.

3. Voor de Bissotoppen en inzonderheid voor \'//. D. H. den Bisschop van \'s Bosch.

i. Voor alle priesters en kloosterlingen en in bet bijzonder voor die van Nederland en voor onze herders en zielzorgers.

5. Voor de volharding der Katholieken van Nederland en voor de bekeering onzer andersdenkende broeders.

6. Voor de zielen in het VagevnTir en meer bijzonder voor de afgestorven leden onzer Broederschap.

7. Voor oen zaligen dood.

-ocr page 19-

BIJZONDERE REGELS

van de Brocctorschav) der 1IH. Martelaren van lt;iorkum, Kerkelijk opgericht in doR. K. Parochiale kerk van Kaatsïiotivei. 7 AugTistns I87(!.

1.

ene Broederschap is ingesteld eu blijft opge-\'rieht in de E. K. Parochiale kerk van den H. Joasses den Doopbe te Kaatsheuvel, onder den titel

van BroedcncTa}) der Heilige JTartelaren van Qorhim.

Hot doel dezer Broederschap is de bijzondere ver-eering dor HH. Martelaren van Gorkum.

Alle Jvatliolieken, van welken leeftijd ol\'geslacht, kunnen als leden van deze Broederschap worden aangenomen.

4.

De Bestuurder der Broederschap is lt;lc .Pastoor der Parochie van Kaatsheuvel.

Hij , die weusoht in do Broederschap te worden aangenomen, zal zich daartoe aanmelden bij den Bestuurder, die zijnen naam aanteekent in een register en hem een bewijs zijner aanneming afgeeft. Men betaalt bij deze inschrijving 35 cents. De in-

-ocr page 20-

schrijving kan ook door oen ander Geestelijke gesehie-den. die daartoe door den Bestnnrder is gemachtigd.

6.

Elk lid betaalt jaarlijks 15 eents, lt;lic worden opgcliaaki.

/ .

Dc gelden , bij de Broederschap ingekomen, worden uitsluitend besteed tot godsdienbtigo einden. inzonderheid tot het opdragen van HH. Missen rooide levende en overledene leden der Broederschap.

S.

Jaarlijks op , of omtrent den 9 Juli, den feestdag der HII. Martelaren, wordt eeno plechtige Mis opgedragen voor do leden der Broederschap.

De leden der Broederschap worden uitgenoodigd om deel te nemen aan de Bedevaart , die van woge de Broederschap op bepaalden tijd zal gehouden worden naar het graf of de martelplaats der Heiligen bij de stad li,•idle.

10.

Al de, leden der Broederschap worden dcelachtig aan de gebeden en goede werken, die gedurende de Bedevaart geschieden.

11.

Daags vóór het vertrok der Bedevaartgangers en insgelijks bij de aankomst te Brielle wordt cene H. Mis opgedragen voor de leden der Broederschap.

13.

Van wege de Broederschap wordt bij elke Bede-

-ocr page 21-

17

vaart eciie waskaars geofferd aan de R. X. Icfrk to Briellc.

VA.

Die niet als lid dor Broederschap is aaugenomeu kan geen deel nemen aan de Bedevaart, tenzij met bijzondere vergunning van den Bestnnrder.

14.

I gt;e tijd van het vertrok der Bodevaart wordt aan dc belanghebbenden bekend gemaakt.

15.

De Bedevaart wordt geleid en bestuurd door een of meer Kenv. Hoeren Geestelijken.

16.

Xij . die aan do Bedevaart doel nemen . moeten /.iob in alles gedragen volgons dc regels , daarbij voorgeschreven , zoowel onder den weg als op de plaats zelve.

17,

ISa alioop der Uedevaart wordt op een te bepalen dag in dc Parochie-kerk eene gezongene H. Mis tot-dankbaarheid aan God opgedragen, waarbij de leden der Broederschap verzocht worden tegenwoordig te zijn.

18.

Indien een der ieden komt te overlijden, wordt voor zijne zielerust eene E. Mis opgedragen in de Parochie-kerk , waartoe hij behoort.

Gezien en goedgekeurd door Ons ie \',t \'Bosch , 7 Inguslvs 1876.

De. Aartsbisschop-Bisschop van \'s Boacli .

J. ZWI.T8EK.

-ocr page 22-

18

HET LIJDEN EHquot; DE DOOD DEK HH. MARTELAARS VAN GORKUM.

oewel do HH. Negentien Martelaren, wier lijden en dood wij thans gaan beschrijven, te Brielle den marteldood zijn gestorven , worden zij nochtans gewoonlijk de HH. Martelaars van Gorkum genoemd, omdat bijna allen, — zestien hnnner namelijk , — te Gorkum verbleven, of althans aldaar niet alleen gevangen genomen en gekerkerd zijn. maar ook een zeer groot gedeelte van hun lijden hebben ondergaan.

He namen der negentien heilige strijders zijn de volgende :

1. H. Leonardns van Vcchel, kanunnik en Pastoor van Gorkum;

2. H. Jficasins van Heeze , van de Orde der Minderbroeders :

3. H. Joannes van Oisterwijk , van de Orde van den\' H. A.ngnstinus;

4. H. Adrianus van Hilvarenbeek, van de Orde van Premonstreit.

Deze vier heilige martelaren behooreu, wat hunne geboorteplaats betreft, tot bot Bisdom van \'s Bosch.

5. H. Nicolans Piek, gardiaan in do Orde der Minderbroeders ;

6. H. Hieronymns van Weert, Vioarina : van dezelfde Orde;

7. H. Theodoras of Theodorictis van Embden, van dezelfde Orde;

S. H. Willehadvis , uit Denemarken , van dezelfde Orde :

m

-ocr page 23-

]!»

y. H. Antoaius van Weert, van. dezelfde Orde;

10. H. Antonius van Hornaar, „

11. H. Frauoiscns van Brussel, „ ,. .. 13. H. Cornelius van Wijk-bij-Duiirsi;edc,

13. H. Godefridus van Mervel, ., „

14. H. Petrus van jVssohe, ., ., „

15. .H. Nicolaus van Poppol, pastoor vanGorkum;

16. H. Godefridus van Gorkum;

17. H. Joannes van Keulen, pastoor te Ilornaer;

18. H. Jacobns van Oudenaarde, van de Orde van Preoionstreit ;

19. H. Andreas Wouters , pastoor te Heynoort. Zestien dezer heilige geloofslielden werden, gelijk

wij reeds aanstipten , te Gorkum gevangen genomen. Het waren namelijk de elf martelaren uit de Orde der Minderbroeders met de vier in Gorkum aanwezige ongeordende priesters, dc HH. Leonardus van Veoliel, Nicolaus van Poppel, Godefridus van Gorkum, Joannes van Oisterwijk, en den pastoor van Hornaer, den H. Joannes van Keulen, welke laatste echter niet onmiddellijk na de overgave, maar eerst later werd in liechtenis genomen. Van de overige drie werden de IIEL Adrianus van Hil-varenbeok on Jaoobus van Oudenaarde te Ter-Heide door zeeselmimers opgelicht en te .Brielle met de andere HH. Martelaren gekerkerd, terwijl de H. Andreas, pastoor van Heynoort, reeds te Briello vóór do anderen zich in den kerker bevond.

Het was in hot jaar 1572. De onzalige godsdiensttwisten, die in Dnitsohland ontstaan waren, hadden zich spoodig ook in ons vaderland verspreid en deden ook aldaar helaas I weldra hare verderfelijke

-ocr page 24-

•J»

gevolgen gevoelen. Dnizcndeu Nederlanders lieten zich door do dwaalleeraars verleiden. verzaakten het aloude geloof, hun door de HH. Willibrordus on Bonifacius verkondigd, cu ackeiddeu ziek af van do Moederlcerk .. om de nienwe leerstellingen vat Lntker on Calvijn te volgen. ïock was de afval niet algemeen. Te midden dier duizenden afvalligen bleven er nog velen trouw aan de Katkolieko Kerk. t\'.n juist deze trouw was den meesten dier ongelukkige ai\'gedwaalden een doorn in het. oog. Hoe meer deze laatsten kunne maekt en kunnen invloed zagen toenemen, koe meer zij er op bedacht wei-den om dgt;-trouw gebleven kudde te vervolgen. Vooral hadden zij het gemunt op de herders, op de priesters en op de kloosterlingen, overtuigd als zij waren. dat. zoodra de kudde van kare kerders zou beroofd zijn, deze weldra zou verstrooid worden en van zelf tot kunne dwalingen zou overgaan.

Nauwelijks was dan ook de stad Gorkum in de kanden eener dusdanige godsdienst hatende en afvallige bende gevallen, of aanstonds werden de aldaar aanwezige priesters en kloosterlingen in hechtenis genomen en in den kerker geworpen. Wel was bij de overgave der stad bedongen. dat „ allen, geoe enkele nilgenomen, vrije aftocht zou vergund worden dock men sckeen dit voor de priesters en klooster-fingen niet te kebbon bedoeld. Tegen alle reckten wet in werden die acktenswaardige mannen, tegen wie men geen ander verwijt kon doen gelden, dan dat zij , trouw aan hun eens gezworen eed, onvervaard kunne stem tegen de nieuwe leer verhieven , van ktmno vrijheid beroofd en als de laagste tuis-

-ocr page 25-

21

dadigers ia een hol gcworpeu , dat slockts voor dieven on moordenaars wap bestemd. Van Vrijdag. den 27quot; Juni 1572, des morgens, tot in don nacht van Zondag, don 5n en C11 .)nli, hadden zij aldaar do grofste mishandelingen, do moedwilligste verguizingen ie verduren. Honger en dorst, allerleibesehim-pingon, vnistslagon en schoppen, bedreigingen met den dood. die zóóver gingen, dat meu hun het pistool op do borst zette eu de galgekoord om den hals wierp , alles wat een door godsdiensthaat en dweepzucht verblinde bende, daarenboven opgeruid en aangehitst door afvalligen van de ergste soort, door ontrouwe eu weggcloopen monniken en geestelijken, kon uitdenken, moesten zich ouzo dappere geloofshelden laten welgevallen. Zelfs werden eeni-gen hunner zóódanig gemarteld. dat men niet anders dan hunnen dood kon verwachten. Aan het gemeenste gespuis , dat in de stad te vinden was, werd alle vrijheid gelaten, om huuno woede op de vrome belijders van Jesus\' naam tc koelen. De vuilste godslasteringen en vloeken klonken hun on-ophoudelijk in de ooren ; de heiligste geheimen vau den Godsdienst moesten het bij die onverlaten ontgelden ; ou het was alsof de hol hare bewoners had uitgebraakt om die trouwe zonen der Kerk voor hunne standvastigheid tc doen boeten. Immers zij waren en bleven standvastig; zij bleven getrouw aan hun geloof en zelfs de uitgezochtste folteringen waren niet in staat hen tot afvalligheid te verleiden. Openlijk en luide verkondigden zij hun geloof aan de waarachtige tegenwoordigheid van Jesns Christus in liet IT. Sacrament dos Altaars : openlijk en Inido

-ocr page 26-

bezwoeren zij Ininno trouw aan den Stedelionder van Christus op aarde, het zichtbaar Hoofd der Kerk, den Paus van Home; openlijk en luide handhaafden zij de eer der ongeschonden en vlefckeloozo Moedermaagd; openlijk en luide verklaarden zij liever alles te lijden, liever den pijnlijksten marteldood te sterven dan hun geloof prijs te geven en zich aau te sluiten hij de bestrijders en do vijanden der ware Kerk van Jesus !

Wel verre echter dat deze bovenaardsche heldenmoed , deze wonderbare standvastigheid , deze onwrikbare trouw de harten hunner vijanden zou verteederen en hen tot inkeer doeu komen, verdubbelden deze laatsten hunne woede en hunne mishandelingen. Bevreesd evenwel als zij werden , dat wellicht hunne prooi hun zou ontsnappen, dat namelijk do Prins van Oranje, wiens staatkundige inzichten zij steunden, hun een bevel tot vrijlating hunner gevangenen kou zenden, besloten zij hen uit Gorkum te verwijderen en naar Brielle te voeren, waar zij verzekerd waren geheelenal hunne woede te kunnen botvieren en hun bloeddorst naar hartelust te be. vrediger». In den nacht dan ook van Zondag, den 5quot; op den 0quot; Juli , werden ouzo geloofshelden in oene kleine mosselschuit ingescheept, doch later in een ander schip overgeplaatst, om zich eerst naar het nabijgelegen Dordrecht te begeven. In don vroegen morgen voor die stad aangekomen, herhaalden zich aldaar nagenoeg dezelfde tooneelen, als die wij te Gorkum hebben beschreven. Zelfs werd er op het schip een zeil gespannen, zoodat do gevangenen zich als in eene tent bevonden . en tegen betaling van

-ocr page 27-

eenig geld werd ieder, die wilde, in die tent toegelaten om de martelaars met bescliimpingen en mis-handelingen te overladen. Is adat zulks een tijdlang had geduurd en in den namiddag het water wa? opgekomen, voer men verder de Oude-Maas op, rotdat mon in den avond van dien dag, den 0» Juli. op een Zondag, tot één mijl afstands Brielle was genaderd. Hier werd de nacht doorgebracht en eerst dos morgens bevonden zich onze geloofshelden in dc haven van Brielle, om daar do komst van den aanvoerder der rooversbendo, den bloeddorstigen graaf Van dor Marek, af to wachten, die over hun lot zou beslissen.

Na de aankomst der gevangenen was ook hier hel gemeen der stad terstond op de been om zich in het lijden der trouwe geloofshelden te verlustigen en hunne smarten te vermeerderen. Meer nog was dit het geval, toen do beruchte aanvoerder dor roovors. bende, die te Brielle oppermachtig regeerde, met zijne soldaten aan het havenhoofd kwam. Nauwelijks toch was hij daar aangekomen, of hij begon alles wat zijn bedorven en helsch gemoed hem ingaf tegen de Heiligen uit te braken, en na zich zeiven en zijn waardige handlangers een tijdlang dit genoegen te hebben gegund, gebood hij zijn soldaten, de gevangenen twee aan twee te binden cn hen in processie rondom eene aldaar opgerichte galg to leiden. Onder deze processie moesten de Heiligen het Salve Regina en andere lofzangen ter eere der allerheiligste Maagd zingen: immers , zoo zeidon do soldaten met bitteren spot, .. zij waren hier gehome-i) om. de gelofte eener hedemart ie volbrengen.quot;

-ocr page 28-

2J.

Daarna trokken zij , procussicsgewijze en onder den spot en den Iioon der inmiddels aangegroeide volksmenigte, die er eon lielseh vermaak in vond dit Bckouwspel te aanscbonwen, de stad binnen. Aldus voortgestuwd als de ergste misdadigers en boosdoeners of liever als redeloos vee, terwijl zij bet Ta Deunt en andere kerkelijke lofzangen moesten aanboffcn, bereikten zij eindelijk bet marktplein der stad , waar insgelijks , evenals buiten do stad, ecne-galg gereed stond. Ook om deze galg moesten zij driemaal beengaan onder bot zingen van de Litanie can alle Heiligen en andere kerkelijke gebeden en lofzangen; ook moesten zij daaronder knielen en «■enige lofzangen ter eere van de H. Maagd Maria iianboflen. Wel te reebt moebten bier onze heilige geloofshelden op zicb do woorden toepassen van den Heiligen Apostel Pa.ulns : „ God heeft ons tontoon-

gesteld als de laatste der mensoben, als tor dood .. verwezenon; want wij zijn een schouwspel geworden

voor de wereld, on voor Engelen èn voor monsohen. quot; 1. Cor. IV. 9. — Toon eindelijk het grauw en do-soldaten verzadigd waren van dit allergruwelijkst «chouwspol, werden onze martelaren in een aller-vnilst on allerakeligst kerkerhol opgesloten, waar zij, zonder eenig voedsel, uren aohteroen moesten doorbrengen , totdat zij in den namiddag naar bet stadhuis geleid werden , om door Calvinistische predikanten ondervraagd te worden.

Deze ondervragingen werden don volgenden dag-herhaald. Welke pogingen men echter ook in het werk stolde om bon tot afvalligheid te bewegen, de Jieiligc Martelaren lieten zieb noch door beloften\'.

-ocr page 29-

well door bedreigingou, noeh door uasliandelingcn of: HtVal overhalen. Onvervaard beleden zij evenals\' vroeger do aloude leerstellingen van liefc katliolieke geloot\' en bewezen zij tegenover de drogredenen •*mnner bestrijders do wezenlijke tegenwoordigheid van. -lesus Christus in het allerheiligste Sacrament \'les Altaars, het oppergezag des Pausen en de bil-ijkheid van de vereering der onbevlekte Moedor-maagd.

[ntusaohea hadden eenige katholieken de tussehen-komst ingeroepen van den Prins van Oranje , en deze had in gunstigen zin op hun verzoek geantwoord. Onmiddellijk werd de boodschap van den t\'rius aan den graaf overgebracht; doch in plaat* van te bewilligen in de vrijstelling der gevangenen , spreekt hij nu. den avond van Dinsdag. den 8» .fnli, terwijl hij naar gewoonte met eenige vrienden ■ene slemppartij bijwoonde, het doodvonnis over /.ijne slachtoffers uit. Zij zouden zonder uitstel allen rot den laatsten toe opgehangen, worden.

Xoo naderde dan het oogenblik voor de held-haftigo strijders des Heeren, dat aan hunne on-menschelijke en barbaarsche folteringen een einde xou maken en hen de glorierijke martelkroon zou doen verwerven ! Nog in denzelfden nacht van deu •Sn op den 9n Juli worden er aanstalten gemaakt • gt;m het wreede doodvonnis nit te voeren. Meteeno heilige blijdschap ontvangen de Martelaars de tijding van hun ophanden zijnden dood, en terwijl zij elkander hunne zonden belijden en elkander wederzijds aanmoedigen en opwekken tot den laatsten strijd . komt, ongeveer ten één ure na middernacht. op

-ocr page 30-

26

Woensdag , den Juli. cene bende aoldaten, vergezeld van eene tierende volksmenigte, onder allerlei verwenscliingen , beschimpingen en misliandelingeji hen wegvoeren naar eene plaats bniten de stad gelegen, in de nabijheid van het verwoeste Hooster St.-Elisabeth-Ten-Eugge. Nog stond daar eene onde turfschnnr. die tot het klooster behoorde en die de goddelooze bende weldra als geschikt tot hnn doel verklaarde.

Eén voor één worden na de Heiligen aan de in die schnur zich bevindende balken opgehangen. Hei eerst van allen de H. Mcolaus Piek. de moedige gardiaan der Minderbroeders, die niet ophoudt zijne medegevangenen tot standvastigheid in den strijd te vermanen. Biddende voor hunne beulen en elkander wederzijds aanmoedigende, zonder eenigen wederstand te bieden, als schuldelooze lammeren, die ter slachtbank geleid worden, laten zij het werk der duisternis aan zieh zeiven voltrekken......

O ! met hoeveel welgevallen zullen niet de Engelen dea Hemels hebben neergezien op die lange rij van edele en heldhaftige kampvechters voor Jesus\' leer, die daar, aan twee balken opgehangen, niet den onwrik-baarsten moed hun doodstrijd te gemoet gingen! Met welk een heiligen eerbied zullen zij niet hunne zielen, terstond na hare scheiding van het lichaam, hebben opgewacht, om die de verblijven der eeuwige heer-tijkheid binnen te leiden en daar met den onver-welkbaren lauwertak der overwinning te bekronen \' „Dezen zijn het,quot; zoo zullen zij hun hebben toegezongen , „ dezen zijn het, die uit groote verdruk-,, king, zijn gekomen en hnTine kleederen in liet

-ocr page 31-

,, bloed des Lams hebben gewasschen en gereinigd. „ Daarom staan zij voor den troon van God.... ., En God zal eiken traan van Imnne oogen afwis-schen.quot; Openb. VII. I t en vv.

echter was de woede der soldaten en van het gemeen niet bevredigd, nu eindelijk de Martelaars den geest gegeven hadden; ook op de levenlooze lichamen hunner eerbiedwaardige slaclitoffers werpen zij zich als roofdieren, om die op de aller afschuwelijkste en allerschandelijkste wijze te verminken en te ontheiligen. Zóóver kan godsdiensthaat het afvallig gemoed vervoeren, dat niet slechts allo Christelijk maar zelfs haast alle mensehelijk gevoel daaruit verdwijnt, om slechts ruimte te laten voor het laagste dierlijk instinct!

Nadat de ontzielde lichamen dien ganschen dag en ook oen gedeelte van den volgenden dag aan de spotlust en de heiligschendende wreedheid van het gemeen blootgesteld waren geweest, - zelfs kinderen zag men de lijken met steenon werpen I — verkregen eindelijk cenige vrome katholieken uit Gor-kum voor geld de vergunning om die weg te nemen en daaraan de laatste eer ie bewijzen. In twee groeven . welke men onder de beide balken had gegraven . werden de eerbiedwaardige overblijfselen der roemrijke Martelaren ter aarde besteld, en hier bleef het heilige gebeente bewaard, totdat het in 1015, in het geheim, naar Brussel werd overgebracht, ten einde aldaar en op andere plaatsen naar behooren aan de vereering der geloovigen te worden voorgesteld.

Reeds spoedig na den roemvollen dood der Hei-

-ocr page 32-

2fi

ligon wilde God dooi\' verschillende wonderen kunne heiligheid doon nitachijnen. Vele wonderdadige genezingen werden van den Hemel door Imnne tnsschenkomsfc verkregen, waardoor de godsvrucht tot de HET. Martelaren van Gorkuni zeer spoedig toenam en waardoor ook in 1675 Paus Clemens X bewogen werd om hen onder het getal der Gelukzaligen op te nemen en hnnne vereering als dusdanig in het openbaar te vergunnen. Eindelijk in 1867 werden zij door /. H. Pius IX op den feestdag van de 111-1. Apostelen Petrus en Panlns heilig-verklaard.

Ziedaar het voornaamste van hetgeen geloofwaardige geschiedbronnen ons over het smartvol lijden en den heldhaftigen marteldood onzer HH. Martelaren mededeelen. Moge de lezing daarvan ons opwekten om des te meer en des te ijveriger hen te vereoren en aan te roepen. Moge het lijden en de dood van hen , die wij als onze vaderen in het geloof erkennen en aan wier verdiensten wij het wellicht voor een groot gedeelte te danken hebben, dal de noodlottige scheuring der XV] ■ eeuw het gelool althans niet geheel in ons dierbanr Vaderland heeft vernietigd . ons steeds voor oogen zweven , om ont daardoor des te standvastiger aan do Katholieke Kerk te doen vasthouden en onze onverschilligheid en lauwheid te beschamen. Wat wij belijden, hebben zij beleden; de leer der Kerk, waaraan zij trouw bleven tot aan den dood, is de leer, waarin ook wij door Gods genade zijn. geboren en opgevoed ; doch hoezeer steekt wellicht onze weinige

-ocr page 33-

■Ji)

juix\'J . onze geringe standvastiglieid in liet belijden daarvan niet af bij do hnune! Zij hebben met liefde de wreedste, de onxnenschelijksto folteringen,. Ja don smartelijksten en pijnlijkgten marteldood ondergaan , ra wij schrikken zelfe voor het geringste ofiér terug\' Het menschelijk opzicht, de vrees., dwl men ons als godsdienstig en ijverig katholiek zal beschouwen. is dikwijls veeds voldoende om ons van hot openlijk tiitkomen voor ons geloof terag te houden Hoe weinig tooucn wij door onze werken, dal wij de narateu zijn dier Icloeke en vrome strijders voor de eer van Jesus! Hoe woiiag bewijst wellicht onze godsvrucht tot .Tesus in het allerheiligste Sacrament des Altaars, dat wij met de HH. Martelaars van Gorkum het leerstuk der Kerk aannemen en erkennen, dat Jesus waarlijk on wezenlijk met Godheid en Mcnschheid onder dn gedaante van brood cn wijn aanwezig is! Zou men rioms niet uit onze oneerbiedighedon moeten opmaken , dat wij eerder behooren tot de vervolgers en verdrukkers der Heilige Martelaren, die helaas! jegens dit hoogheilig Sacrament zooveel misdreven !..... Zijn wij vervuld van die gevoelens vau

ware liefde, van ware onderdanigheid en gehoorzaamheid , die ons moeten bezielen voor het zicht-baar Opperhoofd van Christus\' Kerk op aarde, den

Pang van Home ?..... Is onze liefde en vereering

van de allerzaligste Moedermaagd, wier glorierijke voorrechten onze Heiligen met zooveel vuur en ijver handhaafden en verdedigden, in overeenstemming met hetgeen deze werkelijk zijn moeten ? ... O mochten wij ons allen opgewekt gevoelen om dikwijls aan

-ocr page 34-

30

liet martellijden onzer Heiligen te denkeu , ten eiudc-daardoor onze vereering cn vertrouwen jegens lien te vermeerderen, ons geloof aan de leer der Katholieke Kerk to verlevendigen, te bevestigen cn ook door onze handelingen te toonen, opdat wij eens hen in hunne glorie voor den troon van God mogen aanschouwen en met hen voor eeuwig de vreugde de? hemels mogen deelachtig worden.

-ocr page 35-

TWEEDE GEDEELTE, OVERWEGINGEN

EN

Gebeden,

-ocr page 36-
-ocr page 37-

33

DxroA/\'iEiiNriE

TER EERE VAN DE HH. MARTELAREN VAN GORKUM,

_et lionden eener novene of negenclaagscke oefening is al te zeer bekend en onder de geloovigen verspreid, dan dat liet noodig zou wezen iets ter aanbeveling daai\'van te zeggen. — Op eiken tijd des jaars kan men deze novene ter eere der HH. Martelaars van Gorknm konden : nochtans is de gesoliiktste tijd daartoe de negen dagen, die onmiddellijk liet feest der Heiligen (9 Juli) voorafgaan, of wel de negen dagen vóór de bedevaart . De novene strekt alsdan tot eene waardige voorbereiding tot den feestdag of tot dc Bedevaart. In plaats van de volgende oefeningen kan men evenwel ook andere gebeden of oefeningen verrioliten.

Eerste (.lag lt;ler Nüvone.

30 Juni.

Kom , H. Geest, vervul de harten uwer geloovigen en ontsteek daarin het vuur uwer liefde.

r. 3

-ocr page 38-

34,

y. Zend u-«-en sjeest uit en zij zullen gesclmpen worden.

ly. En gij zult het aanschijn der aarde vernieuwen, LAAT ONS BIDDEN.

O God , die de harten der geloovigen door den E. Geest hebt verlicht en onderwezen, geef, dat ook wij door dienzelfden H. Geest de ware wijsheid ontvangen en ons altijd in zijne vertroostingen mogen verheugen. Door onzen Heer Jesus Christus, uwen Zoon. Amen.

Overweging.

Verplaatsen wij ons in den geest naar Gorkum en verbeelden wij ons aldaar bij de inhechtenisneming der HH. Martelaren tegenwoordig te zijn.

Eindelijk is ook het kasteel, waarin de heldhaftige belijders der katholieke leer een schuilplaats gezocht hadden, in de macht der goddelooze rooversbende. Zonder acht te slaan op het gegeven woord, dat aan allen zonder onderscheid vrije aftocht zou toegestaan worden, werpen de onverlaten zich met eene helsche vreugde op hunne gevangenen. Smaadwoorden en beschimpingen, de ruwste en grofste scheldwoorden, de ergste bedreigingen, de schro-melijkste verwenschingen en godslasteringen worden tegen hen uitgebraakt. Voeg hierbij mishandelingen van allerlei soort, vuistslagen en schoppen en alles waartoe slechts een opgeruide en opgehitste bende in staat is, en wij zullen ons een denkbeeld kunnen vormen van hetgeen reeds terstond onze heilige Martelaren hebben geleden.

Overwegen wij hier den moed en de standvastig-

-ocr page 39-

35

heid , die onze Heiligen aan den dag legden, —■ hoe zij niet den minsten wederstand bieden of\' zich tegenover hunne vijanden op hun goed recht beroepen ; hoe zij veeleer zich verblijden waardig bevonden te zijn om voor Jeans\' naam te lijden, —■ en vragen wij ons zelven af hoe het met ons gesteld is. Zijn ook wij bereid ie^s voor het geloof te lijden ? .. . Is onze moed bestand tegen spot, smaad of\' hoon , wanneer wij die voor God moeten ondergaan ? ... of liever is wellicht het geringste , dat ons te vreezen staat, niet voldoende om ons van bet openlijk belijden van onzen heiligen Godsdienst af te schrikken ? ... .

Vernederen wij ons zelven hierover en vragen wij door de voorbede der HH. Martelaren van God de genade om steeds moedig in het geloof te volharden.

GEBED.

O HH. Martelaars van Gorknin. hoezeer bewonder ik den moed en de standvastigheid, die gij bij uwe gevangenneming aan den dag hebt gelegd ! Door dien moed en die standvastigheid, die u met liefde de grootste beleedigingen deed verduren, smeek ik u , dat gij voor mij de genade verwervet, dat ook ik moedig en standvastig mijn geloof belijden en daarin volharden moge tot aan het uur van mijnen dood. Amen.

Desverkiezeude kan men hierbij voegen een of meerandere gebeden, die hierachter in het boekje volgen, bijvoorbeeld ; de litanie der HH. Martelaren, bet Salve Hf gin a enz. of ook negentienmaal het Wees gegroet.

-ocr page 40-

36

Tweede da^ der .\'Nquot;ovene.

1 Juli.

Kom , H. Gi-eost, als voren hl. 33,

Overweging.

Verplaatsen wij ons\' in den kerker te Gorknm, waar de HH. Martelaren na hunne gevangenneming werden opfjesloten.

Overwegen wij koe, na al de schandelijke verguizingen en niishandelingen der uitgelaten bende , onze geloofskei den in een akelig kerkerkol, dat anders sleckts voor de grootste misdadigers bestemd was, werden opgesloten. ïfiets wordt kun daar, altkans in de eerste uren, gegeven om hunnen honger of dorst te stillen. Alléén, om hen te bespotten en fce grieven , biedt men hun vleeschspijzen aan , die op dien dag, Vrijdag, volgens de voorschriften der Kerk verboden waren.

Hoe beklagenswaardig en rampzalig moet niet de toestand dier edele slachtoffers in dien somberen en voehtigen kerker geweest zijn ! Hoezeer werd ook hun lijden niet verzwaard door al de verdere folteringen, die aldaar hun werden aangedaan! Immers zij bleven daar voortdurend blootgesteld aan de woede en razernij eener goddelooze soldatenbende en van een opgezweept en losbandig gemeen , dat hen tot in hunnen kerker op de allergruwzaamste wijze kwam kwellen en mishandelen.. .. En deze kwellingen en mishandelingen duurden niet slechts eenige oogenblikken of zelfs niet eenige uren, maar zij werden aanhoudend voortgezet gedurende negen

-ocr page 41-

37

lange dagen. En touli kon dit alles liet geduld dei-Heilige Martelaren niet doen wankelen. . . . ïoeli kwam geen enkele klacht over Imnne lippen , maar waren zij zelfs verheugd , dat liet hun gegeven was voor Jesus\' naam te lijden!. . . . Wat hebben de kwellingen, die God ook ons soms overzendt, te beteekenen, tegenover hetgeen deze HH. Martelaren hebben onderstaan P . ... En hoe ongeduldig , hoe ontevreden tegen God zijn wij nochtansnieczelden? Hoe morren wij , hoe maken wij het ons zeiven en anderen lastig, als eenig ongeval , een nietig lijden, eene lichte ongesteldheid ons overvalt ? . ...

Verwekken wij bier een akte van berouw , laten wij ons door de gedachte aan de wreede martelingen dier heilige geloofshelden en aan hun heldhaftig geduld opgewekt gevoelen, om evenals zij met onderwerping aan den heiligen wil des Heeren onze kwellingen te verdragen, en vragen wij daartoe hunnen bijstand af.

GEBED.

O edele en moedige Strijders voor Christus\' Kerk, hoe gering en nietig zijn de kwellingen, die ik te verduren heb . vergeleken met de haast bovenmen-scbelijke folteringen, die gij met zooveel gelatenheid en geduld hebt onderstaan ! O verkrijgt door uwe gebeden bij God voor mij, dat ook ik het lijden, dat Gods hand mij overzendt, met geduld moge verdragen, ten einde daardoor mijne zonden te boeten en de straffen in het andere leven te ontgaan. Amen.

Desverlciezende enz. als voren.

-ocr page 42-

38

i)(*i\'(ie dag der Novene.

2 Juli.

Kom, H. Geest, enz. als voren hl. 38.

Overweging.

Verplaatsen wij ons in de groote kerk van Gor-knm , waar, door eene bijzondere vergunning, de H. Leonardns lieden, op den feestdag van O. L. V. Bezoek, voor het laatst het woord richt tot zijne parochianen.

Te midden van de trouw gebleven geloovigen zien wij eene groote menigte afvalligen en andersgezin-den, die wellicht hoopten, dat de Heilige thans tot andere gedachten zou gekomen zijn. Hoezeer echter werden zij in hunne verwachting beschaamd ! Daar de vereering der allerheiligste Maagd één dier leerstukken was, waartegen de afvalligen vooral hunne vergiftigde pijlen richtten, maakte de H. Leonardus van de gelegenheid van den feestdag gebruik om helder en klaar de billijkheid dier vereering te bewijzen en den lof der ()nbevlekte Moedermaagd te verkondigen. Openlijk daagde hij allen uit om zich tot nadere staving zijner gezegden bij hem te vervoegen. Daarna spoorde hij zijne trouw gebleven onderhoorigen aan, opdat zij , evenals hij en zijne gezellen , zonden pal staan in liet geloof en hunne ooren zouden sluiten voor de drogredenen der afvalligen.

Zóó wist de H Leonardns zijne vijanden te beschamen en zijne liefde en zijne hoogachting voor de allerheiligste Moeder des Verlossers te toonen !

-ocr page 43-

En ook diezelfde gevoelens bezielden zeker niet minder zijne heldhaftige lotgenooten. Tegenover al den smaad, die eene godvergeten menigte uitbraakte tegen hetgeen den christen het heiligst en het dierbaarst is, stellen zij moedig en onverschrokken de leer dei-Kerk , waarvan zij de dienaren zijn. En zij doen dit, hoewel meer dan overtuigd . dat deze volhardende tronw hen slechts aan des te grievender verguizingen, aan des te wreeder kwellingen moet blootstellen. — Hoedanig is onze liefde , onze vereering van Maria, de gezegende Moeder des Verlossers en ook onze Moeder ? .... ïoonen wij die , gelijk de H, Leonardus , ook door onze daden ? ... Eeren wij hare feestdagen gelijk het behoort P . . . Bidden wij met eerbied den H. Rozenkrans, of althans liet Rozenhoedje ?.... Wordt in onze gezinnen het gezamenlijk bidden van dit laatste onderbonden ? . . . .

Trachten wij onze liefde tot Maria door het voorbeeld der HH. Martelaren op te wekken en te verlevendigen.

GEBED.

O roemrijke en getrouwe verdedigers van de eer der onbevlekte Moedermaagd, mochten ook in mijn hart die gevoelens van liefde en genegenheid tot de allerheiligste Moeder des Verlossers levendig zijn, welke gij zoo schitterend in uw martellijden deedt uitkomen! M ochten ook onze handelingen evenals de uwe getuigen, dat wij Haar als onze Moeder erkennen en hoogachten! C) bidt gij voor ons. dat onze godsvrucht tot Maria gelijk moge worden aan de

-ocr page 44-

40

uwe, ten einde wij door haar dezelfde vertroostingen mogen genieten , die liare almogende voorspraak bij God voor u heeft verkregen, ü Maria , koningin der Martelaren, bid voor ons. Amen.

Desverkiezende enz. ah voren.

quot;Vierde cl;io: der TvTovone.

3 Juli.

Kom H. Geest enz. ah noren bi. 33.

Overweging.

Volgen wij heden in den geest de HH. Martelaren , terwijl zij van Gorkum naar Dordrecht vervoerd worden.

, gelijk wij reeds te voren hebben overwogen, gedurende negen dagen aan den moedwil der soldaten en van het laagste gemeen te zijn overgelaten geweest, worden onze Heiligen te middernacht en nauwelijks gekleed, eerst in eene mosselsehuit ingescheept, waarin ze nauwelijks eenige ruimte hadden om hunne ledematen te bewegen. Daarna in een ander schip geplaatst, komen zij den tienden dag aan te Dordrecht, waar zij wederom aan nieuwen smaad worden prijs gegeven. Het grauw dier stad wedijverde daar wederom als het ware met elkander, wie het meest de heilige belijders zou beleedigen en mishandelen. Zij werden zelfs als onder eene tent geplaatst en voor een weinig

-ocr page 45-

41

geld werd aan iedereen verlof verleend om Jien op allerlei wijze te kwellen en te pijnigen. Ook afvallige predikanten kwamen daar om met lien te redetwisten.

]s er wel grievender vernedering denkbaar, dan waaraan Mei\' onze Heiligen wegens hunne trouw aan de Katholieke Kerk werden onderworpen ? ... Bewonderen wij ook hier hunnen moed. hen geduld en hun ijver in het handhaven en verdedigen der geloofswaarheden. Hoezeer ook afgemat en uitgeput door al de geleden ontberingen, door liet verblijf in een vochtig en somber kerkerhol. door den overtocht in een ellendige schuit in het midden van den nacht, door al de vreeselijke mishandelingen, waarmede zij sinds reeds negen dagen zijn overladen, toch verdedigen zij met de meeste klem de Katholieke leer tegen hunne vijanden. Onderzoeken wij hier ons zeiven of ook wij zoovele vernederingen zouden willen trotseeren voor het geloof, waarin wij het geluk gehad hebben te zijn geboren en opgevoed. Vragen wij ons zeiven hier af welke offers wij aan God gebracht hebben, wat wij voor Hem, ter bevordering zijner eer en die zijner Kerk verricht hebben. En moeten wij, bij het beantwoorden dier vragen , erkennen, dat wij alles over hebben voor onze zinnelijkheid, voor onze vermaken, en maar zeer weinig of niets voor God en zijne eer, laat ons dan daarover voor God ons verootmoedigen en het voornemen maken om ons te beteren.

Vragen wij daartoe de medewerking van Gods heilige genade door de voorspraak der HH. Martelaren.

-ocr page 46-

42

GEBED.

O onversaagde en onverwonnen Helden , koezeer bescliaamt uw heldenmoed , die nit uwe vurige en opreelite liefde tot God zijn oorsprong nam, mijne traagheid, mijne nalatigheid en lafhartigheid in den dienst des Heeren. O bidt voor mij , dat ik deze traagheid en lafhartigheid moge overwinnen, dat eene even vurige en oprechte liefde tot God als die u bezielde in mijn hart worde ontstoken en dat ik mij van heden af als een ijverig dienaar des Heeren hlijve gedragen tot aan mijn dood. Amen.

Desverkiezende enz. als voren.

\'Vrijfde flag (Ier ISTovene.

4 Juli.

Kom, H. Geest, enz. als voren bl. 33.

Overweging.

Begeleiden wij heden de HH. Martelaars op hunnen tocht over de Oude-Maas van Dordrecht naar Brielle , en verbeelden wij ons bij hunne aankomst aldaar tegenwoordig te zijn.

Overwegen wij hoe in den namiddag het bevel gegeven werd, om de reis van Dordrecht naar Brielle voort te zetten, en al hetgeen gedurende dezen nieuwen tocht onze Heiligen te verduren hadden. Tegen den nacht in de nabijheid dei-stad gekomen, moesten zij den volgenden mor-

-ocr page 47-

gen afwachten om eindelijk de liaven der stad binnen te loopen. Overwegen wij welke verguizingen ook hier wederom onze Heiligen moesten lijden vanwege de in die stad in ruimen getale aanwezige roovers en afvalligen, die nog daarenboven door hunne leiders tot de grootste razernij waren opgezweept. Overwegen wij hoe al die verguizingen, beschimpingen en mishandelingen nog zijn toegenomen , nadat de hoofdaanvoerder, graaf Lumey van der Marok, te paard was aangekomen en zijnen als door de hel ingegeven haat jegens zijne slachtoffers den vrijen teugel had gelaten.

Kan ons hart wel ongevoelig blijven bij dit gruwelijk sehouwspel ? Als onschuldige lammeren te midden van eene menigte grijpende wolven en even weerloos bevinden zich deze trouwe priesters en kloosterlingen tegenover hunne verwoede vijanden ! Niemand die de partij voor hen opneemt, niemand die hun eenigen troost of verlichting komt schenken, niemand die zich hunner ook maar het geringste aantrekt! O hoe deerniswaardig moet niet hun toestand geweest zijn!... Keeren wij na het beschouwen van dit alles in ons zeiven om ons voor God te vernederen, dat wij, van wie God nochtans zoo weinig verlangt, zoo dikwijls nog dit weinige voor Hem weigeren te verrichten. Hoe weinig ijver toch leggen wij aan den dag in het vervullen van onze plichten jegens God en van den stand, waarin zijne hand ons geplaatst heeft!.. . Hoeveie tekortkomingen hebben wij ons daaromtrent niet te verwij ten ! . .. Hoe dikwijIs is het geringste toereikend om ons aan onze duurste plichten zelfs geheel ontrouw te doen worden ! ...

-ocr page 48-

14

Vragen wij dooi1 de tussclienkomst der HH. Martelaren van God vergiffenis daarvan en tevens de genade om onze traagheid te overwinnen.

(rEBED.

O waardige en uitverkoren navolgers van uwen Goddelijken Meester, hoe weinig is tot dusverre mijn levensgedrag in overeenstemming geweest met de lessen en voorbeelden, die gij ons gegeven hebt! Verwerft dan ook voor ons, door uwe veelvermogende voorbede bij God en door de verdiensten van uw zoo wreede martelingen , dat ik voortaan al mijne plichten naar behooren moge waarnemen en door ijverige plichtsbetrachting mijn onrecht herstellen en Gods straffende hand van mij moge afwenden. Amen.

\'Desverkiezcmle , enz. ah voren.

Xcr-rU\' (üag dof !Novene.

5 Juli.

Kom, H. Geest, enz. als mren hl. 33.

Overweging.

Begeven wij ons in den geest even buiten de stad Brielle naar het havenhoofd, te midden der aldaar steeds meer en meer aangroeiende menigte , en volgen wij deze door de straten der stad.

Na een tijdlang zich, in het lijden der gevangenen te hebben verlustigd, geeft de goddelooze aanvoer-

-ocr page 49-

der aan zijne liandlangers liet bevel om hen te ontscliepen en hen één voor één voor zich te doen nederlcnielen. Daarna worden; zij twee aan twee gebonden en vervolgens tot driemaal toe rondom eene galg geleid, die zich daar bevond. Ook moesten zij allen voor die galg zich op hunne knieën werpen, — en dit alles had plaats, ten einde hen nog meer te grieven, — onder het zingen van liet Salve Regina en andere lofzangen ter eere der aller-lieiligste Maagd, alsof zij , gelijk die roekelooze en verwaten spotters beweerden. gekomen waren om zich van eene gelofte te kwijten en eene bedevaart te doen. Hierna worden zij processiesgewijze door de straten van Erielle naar den kerker gevoerd, nadat alvorens op het marktveld onder eene andere galg de vorige spotternij was herhaald.

Overwegen wij hier opnienw eenige oogenblikkea het steeds toenemende lijden en de steeds grooter wordende folteringen, die onze Heiligen altijd met steeds toenemender heldenmoed en grootere standvastigheid verdragen. Overwegen wij tevens tot hoever het misbruiken van Gods genade den zondaar kan leiden , gelijk ons blijkt uit het gedrag dier goddelooze bende , wier handelingen ons zeker den diepsten afschuw inboezemen 1 In den schoot der Katholieke Kerk opgevoed werden zij ontrouw aan de beloften van hnn H. Doopsel, en niet tevreden met eene valsche leer aan te kleven worden zij zelfs de vervolgers van hen, die door hunne getrouwheid hun als het ware voortdurend hunne ontrouw verweten. En nu zij eens op dien weg den voet gezet hebben, schrikken zij voor de grootste heiligschen-

-ocr page 50-

46

nissen niet meer terug..... Moge Imn voorbeeld

ons leeren om de gave des geloofs, die wij bezitten, te vraardeeren! Moge bet ons aanzetten om de genaden, die God ons scbenkt. niet te misbruiken, opdat ook Avij niet van de eene boosheid in de andere vallen en eindelijk gebeelenal van den weg der deugd afwijken.

Vragen wij door de tussebenkomst der HH. Martelaren van God de gave der volharding.

GEBED.

O groote en edelmoedige Belijders van deu Naam des Heeren , verwerft gij voor mij van God, dat ik nimmer van den waren weg moge afwijken. Bidt voor mij, opdat ik aan de genaden des Heeren steeds met ijver beantwoorde en dat ik nimmer mij door bet voorbeeld en de ergernissen van anderen tot ontrouw aan zijnen dienst late verleiden, ten einde niet van de eene boosheid in de andere te vallen en aldns mij eene eeuwigheid van straffen te bereiden. Amen.

Desverlciezeude, en:, ah toren.

üevende tlag clei* j^ovene.

(i Juli.

Kom, H. Geest enz. als voren hl. 33.

Overweging.

Verplaatsen wij ons in den geest in het stadhuis van Brielle, waar de HH. Martelaren voor den goddeloozen aanvoerder en eenige afvallige predikanten werden gebracht.

-ocr page 51-

Toen de godvergeten bende eindelijt verzadigd was van al de onteeringen en heiligschennissen, die zij gepleegd hadden , sloot men de gevangenen in een allerellendigst hok, waar hnn getal met drie andere slacktoffers van den woedenden godsdiensthaat werd vermeerderd. In den namiddag , zonder nog eenig voedsel genoten te hebben , bracht men hen naar het stadhuis om aldaar ondervraagd te worden. Ook den volgenden dag moesten zij aldaar verschijnen. Bij elk verhoor moesten zij nieuwen smaad en hoon ondergaan, doch, wat ook tegen hen werd in het werk gesteld, zij bleven trouw liet gezag der Kerk handhaven en verdedigden met den meesten moed hot leerstuk van de wezenlijke tegenwoordigheid van Jesus Christus in het allerheiligste Sacrament des Altaars.

Overwegen wij hier hoezeer onze HH. Martelaren standvastig bleven in de erkenning van het gezag der Kerk, in de gehoorzaamheid aan den .Stadhouder van Christus op aarde, in het geloof aan de waarachtige tegenwoordigheid van Jesus Christus in het H. Sacrament des Altaars. Zij waren overtuigd , dat hun vasthouden en belijden van die waarheden hun slechts nieuw lijden en nieuwe martelingen zou opleveren en dat zij , integendeel , met daaraan te verzaken , hunne geheele vrijheid zouden herkrijgen. Doch niettegenstaande dit alles aarzelen zij geen oogenblik. Met al de kracht, die hun na al hun martellijden nog was overgebleven, bestrijden zij de drogredenen, die de afvalligen tegen hen willen doen gelden, en toonen zij zich de ware en trouwe belijders der katholieke leer. . . . Hoe is

-ocr page 52-

liet met ons gesteld, en Trel in het bijzonder wat deze twee groote en gewichtige leerstukken van ons heilig geloof betreft ? Hoedanig is onze liefde tot de Kerk en haar Opperhoofd, onze gehoorzaamheid aan de wetten en geboden, die ons gegeven zijn?— Hoedanig is onze eerbied, onze godsvrucht jegens het hoogheilig Sacrament des Altaars ? Geven onze handelingen wel altijd het bewijs, dat wij met hart en ziel gelooven aan hetgeen de Kerk ons daaromtrent leert ? Of liever moeten onze oneerbiedigheden in Jesus\' heilige tegenwoordigheid en andere tekortkomingen, jegens dat H. Sacrament ons niet schaamrood doen worden bij het overwegen van al hetgeen de HH. Martelaren ten wille van hun vurig geloof aan de leer der Kerk omtrent die waarheden hebben onderstaan P

Vragen wij van God vergiffenis van al hetgeen wij ons in die punten hebben te verwijten door de voorspraak der HTI. Martelaren.

GEBED.

O oprechte en allergetronwste handhavers van het gezag der Kerk en van haar geestelijk Opperhoofd , o allervurigste vereerders van Jesus in het H. Sacrament des Altaars, vol schaamte belijd ik mijne schuld en erken ik, dat ik helaas! tot nog toe er verre van verwijderd was uwe voetstappen te drukken en u in uwe trouw aan de Kerk en in uwe godsvrucht tot het H. Sacrament des Altaars na te volgen. Mogen de wreede folteringen, die gij daarvoor te lijden hadt, voor mij ten beste

-ocr page 53-

49

spreken, mijne sckulil nitwissclien en tevens mij de genade verwerven om voortaan mij uwer waardig te toonen. Amen.

Besverkiezende enz. als voren.

.A.chtsto dag der IVovene.

7 Juli.

Kom, H. Geest enz. nis voren ld. 33.

Overweging.

Verplaatsen wij ons in den geest in den kerker te Brielle, waar onze HH. Martelaren zicli tot hun roemvollen marteldood voorbereiden.

Onmiddellijk na do verliooren worden de HH. Martelaars weder in hunne ellendige gevangenis opgesloten. Inmiddels waren er pogingen in het werk gesteld geworden om de invrijheidstelling dei-gevangenen te verwerven, die met een min ot\' meer gunstigen uitslag waren bekroond. Toen de godde-looze aanvoerder der woestelingen hiervan kennis kreeg , ontstak hij in woede, en. bevreesd wellicht, dat op eene of andere wijze zijne slachtoffers aan zijne helsehe woede zouden onttrokken worden, gaf hij , in den laten avond van den 8quot; Juli , na zich met eenigen zijner losbandige handlangers aan zijne gewone buitensporigheden in het gebruik van drank te hebben overgegeven, hel bevel. dat men des anderendaags al de gevangenen zon ophangen. Nog ï. 1

-ocr page 54-

50

denzelfden avond werd het bcriulit hiervan aan de HH. Martelaars in hunne gevangenis overgebracht, die het met de grootste gelatenheid, ja met eene heilige vreugde ontvingen.

Overwegen wij hier de gevoelens , welke de HH. Martelaren bij liet vernemen van hun aanstaanden marteldood hebben bezield, en hoe zij zich daartoe hebben voorbereid. Verbeelden wij ons hoe zij dezen laatsten nacht doorbrengen in een vurig en aanhoudend gebed, opdat God hun de noodige kracht tot den aanstaanden grooten strijd zoude schenken; hoe zij elkander wederzijds aanmoedigen tot volharding ; hoe zij elkander wijzen op de eeuwige belooning, die weldra hun deel zal wezen; hoe zij eindelijk elkander vol ootmoed en berouw hunne zonden belijden, ten einde ook van de minste vlekken, die soms nog hun geweten mochten besmeuren, gereinigd te worden. () welk eene heilige, welk eene zalige voorbereiding tot den dood ! — Denken ook wij wel ooit aan dat oogenblik van den dood . dat ook voor een ieder van ons, voor den een vroeger , voor don ander later, zal aanbreken ? Is ons leven, zooals het behoorde te zijn , eene gestadige , voortdurende voorbereiding tot onzen dood ? Bevindt onze ziel zich in zulk een staat, dat wij zonder vreeze elke stonde voor Gods rechterstoel knnnen verschijnen ? . . . Of zijn wij misschien in staat van doodzonde, zoodat wij elk oogenblik moeten vreezen van een ongelukkigen, een rampzaligen dood te zullen sterven ? .... Zoo dit het geval mocht zijn trachten wij dan zoo spoedig mogelijk door eene oprechte biecht en een waar berouw vergiffenis van

-ocr page 55-

51

onze zonden te verkrijgen en de verloren lieilig-makende genade terug te ontvangen.

Bidden wij de HH. Martelaren om door de verdiensten van hiiu lijden een zaligen dood te mogen sterven.

GEBED.

O vrome en bewonderenswaardige geloofshelden, hoe bewonderenswaardig is uwe onderwerping aan Gods lieiligen wil en de wijze, waarop gij u tot uw smartvollen marteldood liebt voorbereid ! O verkrijgt ook voor mij door uwe verdiensten van God , voor mij, die belaas ! zoo zelden aan mijnerf dood denk en wien de dood zoo licht onvoorbereid zou kunnen overvallen , dat ik van God de genade verwerve om niet onverwacht uit dit leven te worden weggerukt, maar dat het mij gegeven zij eerst met volle kennis de Heilige Sacramenten te ontvangen, ten einde van mijne zonden gereinigd en in Gods vriendschap her steld uit deze wereld te scheiden, Amen.

Desverlciezende enz. als voren.

INegeiade dag (lei\' Novcn(.■.

8 Juli.

Kom, H. Geest enz. als voren hl. 33.

Overweging.

Verbeelden wij ons de turfschuur van liet ver woeste klooster Ten-Eugge, waar de HH. Martelaren hun laatsten strijd gestreden hebben.

-ocr page 56-

In den vroegen morgen van den !gt;quot; Juli werden de HH. Martelaars buiten de stad gebracht om daar eindelijk liet einde van al hunne folteringen te zien. Aan twee balken worden zij één voor één opgehangen, onder het gejuich der goddelooze bende, bij wie een groote menigte van het Brieisohe grauw zich gevoegd had , die zeker niet in gebreke zal gebleven zijn op allerlei wijze het lijden dier standvastige belijders van de katholieke leer te vermeerderen. •Zóó ver zeli\'s vervoert hunne dweepzucht en gods-diensthaal die ongelnkkigen , dat zij zich. niet eens tevreden stellen niet hen te beleedigen in hun smar-telijkon doodstrijd. maar dat zij zelfs nog op de lijken der edele alac.htofi\'ers hunne woede koelen. Doch wenden wij onze oogen liever naar de Heiligen zeiven , die hier eindelijk de lang gewenschte martelkroon verwerven.

Overwegen wij den heldenmoed , dien zij ons te bewonderen geven. Gewillig betreden zij de ladder, verheugd als zij zijn dat God hen waardig bevonden heeft hun leven voor Hem ten beste te geven ; onophoudelijk vermanen zij elkander om toch tot het einde getrouw te blijven en wijzen zij elkander op de eeuwige en onverwelkelijke kroon, die weldra hunne hoofden zal sieren; met een gebed op de lippen voor hnnne vervolgers en hunne beulen geven zij eindelijk hunnen geest , en hunne door de folteringen gelouterde , aan God zoo welgevallige ziel wordt door de Engelen, die met welbehagen op deu strijd , die hier geleverd wordt, nederzien, onmiddellijk in het hemelach paradijs opgevoerd. Daar wordt hun hun lijden overvloedig vergolden : daar ia een eeuwige vreugde, die alle denkbare vreugden

-ocr page 57-

dezer aarde overtreft, liet loon voor liun heldenmoed, voor hun trouw aan Jesus eu Zijae Kerk.

Vragen wij hier ons zeiven eens ai\' na het overwegen van al de wreode folteringen en van den suiart-vollen marteldood der H11. Martelaren, na het beschouwen van al hetgeen zij moesten ondergaan om den hemel binnen te treden , wat wij tot dusverre voor dien hemel, dien ook wij hopen en wenschen eens te zullen bezitten , gedaan en geleden hebben. Zeker God vergt niet van ons die buitengewone offers, die de Heiligen nochtans Hem zoo bereidwillig brachten, maar toch ook voor ons is de hemel een loon . dat wij door onzen arbeid en goede werken moeten verdienen, is hij een kroon , die wij door een moedigen en volhardenden strijd moeten winnen. En welken arbeid , welke goede werken kunnen wij God aanbieden r1 Hoe hebben wij gestreden tegen de vijanden , die ons van de eeuwige en onvergan. kelijke zegekroon willen berooven ? Hebben wij wellicht niet meer gearbeid voor de wereld , voor aardsche rijkdommen . voor zinnelijke genietingen ? Hebben wij niet eiken strijd, elke moeielijkheid, elk offer, dat de dienst van God van ons vorderde, geweigerd? O laat dan het voorbeeld onzer HH. Martelaren ons tot eene heilzame beschaming strekken en ons opwekken om voortaan meer voor God en den hemel dan voor de aarde en hare vermaken te arbeiden! Moge de heldenmoed dier onversaagde geloofshelden onzen moed aanvuren om ook evenals zij met Gods hulp in den strijd, die ons wacht, de zege te behalen!

Vragen wij van God die genade door de voorspraak der HH. Martelaren

-ocr page 58-

54

GEBED.

ü edeJe on moedige overwinnaars in den strijd des Heeren, die thans bij God de hoogste gelukzaligheid geniet, ziet van uit de hemelsehe verblijven neder op ons, die nog te strijden hebben om eens aan inve belooning deelachtig te worden. Bidt voor ons, opdat ook wij den strijd des Heeren onversaagd en on verwonnen mogen strijden, ten einde ook onze hoofden eens de lauwertak der overwinning in het hemelsehe Sion moge versieren. Amen.

Demerhiezendc rnz. als voren.

Overweging op den feestdag der HH. Martelaars van Gorkum . den 9quot; Juli.

De verheerlijking dar HH. Martelaren.

1. Overwegen wij op do eerste plaats de glorie . die de HU. Martelaren in den hemel ten deel gevallen is , en het geluk , dat zij aldaar genieten. Voor al de verguizingen en vernederingen , die zoo ruimschoots hier op aarde hun deel waren, zien zij thans zich met de onvergankelijke kroon der Martelaren getooid. Voor den troon van het Larr wuiven zij hunne zegepalmen en zingen zij in het koor der Engelen en Heiligen het .. Heilig , Heilig . Heilig . de Heer der Heerscharen.\'\' Al hunne smarten, al hunne wreede folteringen, al het gruwelijke lijden,

-ocr page 59-

00

dat zij onderstonden , is vergeten: zij baden thans als in een oceaan van vrellnsten, daar zij God bezitten , en voor eenwig in liet bezit van God alle goed smaken. Wat „noch oog gezien, noch ooi-gehoord hoeft, wat zelfs nooit in\'smenschen gedachte is opgekomen het hoogste genot, de reinste gelukzaligheid is hun deel. O hoe danken zij thans God, dat Hij hen al die folteringen voor zijne oor lier ondergaan! Hoe gelukkig achten zij zich. dal zij waardig waren voor zijnen naam te lijden en hun bloed te vergieten 1 Hoe zegenen zij thans hunne boeien, hnnne ontberingen , hunne vernederingen , hunne martelingen, hunne vervolgers, hunne beulen\'. Voor hun kortstondigs lijden, voor de smarten, die, hoe groot ook, nochtans slechts enkele dagen duurden, is hun eene eeuwigheid, eene nimmer eindigende eeuwigheid van vrede en geluk, van onbegrijpelijke gelukzaligheid , van onbegrensde en onvermengde vreugde en blijdschap weggelegd— O hoe moet die gedachte ons opwekken en aansporen om , naar het voorbeeld onzer H11. Martelaren, ook gaarne en met liefde iets voor Jesus, iets voor de eer Zijner Kerk . iets voor het zielenheil onzer broeders te lijden en ten ofl\'er te brengen ! Immers, willen wij hen volgen in hnnne glorie, in hun geluk, dan moeten wij ook hen daarin volgen. dat wij bereid zijn aan God die offers te brengen , die Hij van ons zal vragen. Hoe gering zijn echter deze niet, vergeleken bij hetgeen de Heiligen voor Christus wilden onderstaan! En toch, hoe weinig bereidwillig zijn wij om die weinige . die zoo geringe, ja zoo nietise offers te brengen 1 Voor de wereld, helaas!

-ocr page 60-

is geen moeite ons te groot, geen arbeid ons te zwaar, geen ongemak ons ondragelijk, en hoe gering, hoe onbeduidend nochtans, iu vergelijking niet den hemel, is het loon, dat ons daarvoor gewordt I Voor den hemel daarentegen, quot;waar alles meer dan honderd-ja meer dan duizendvoudig ons vergolden wordt, zouden wij niet gaarne en met de grootste bereidwilligheid al wat wij bezitten ja ons leven zelfs veil hebben! O quot;welk eene dwaasheid I Welk eene onzinnigheid !!

II. Overwegen wij op de tweede plaats hoezeer God onze Heilige Martelaren heeft willen verheerlijken door de vele wonderen . die hij door hunne voorspraak heeft willen verrichten, en door de groote macht, die hij hnu heeft verleend om voor ons allerlei gunsten en genaden te verwerven. Menigvuldig immers zijn de mirakelen, waardoor God de heiligheid zijner trouwe dienaren aan de wereld heeft willen toonen. Reeds spoedig toch na hun glorierijken marteldood verkregen verschillende zieken, die ofwel de graven der HH. Martelaren met godsvrucht hadden bezocht, of quot;wel hunne heilige overblijfselen geëerd hadden , hunne gezondheid terug; en dit alles bewoog dan ook den Opperherder der geloovigen om in 1672 hen onder het getal der Gelukzaligen op te nemen, terwijl \'/j. H. Pius JX in 1867, wegens nieuwe wonderen door hunne voorspraak verkregen, hen de hoogste eer der Heiligverklaring waardig keurde. En meenen wij niet, dat hunne macht thans minder is geworden. Ook wij, wij zullen de bewijzen daarvan ontvangen, wanneer wij ons met vertrouwen tot hen wenden, wanneer quot;wij hen in onze nood-

-ocr page 61-

wendiglieden met een geloovig hart aanroepen, wanneer wij ons kunne bescherming waardig toonen. Laat ons dan ook met het volste vertrouwen hunne voorbede bij God afsmeeken: als Nederlandschs Heiligen, die op denzelfden grond leefden waarop wij leven, als onze broeders in een meer beperkten zin zelfs, zullen zij zeker met liefde onze smeekingen aanhooren en die voor den troon van God brengen. Wat God wellicht ons anders zou weigeren of althans niet in die ruime mate ons zou schenken, dat zal Hij ons op de meest vrijgevige manier schenken door de tusschenkomst dier heilige geloofshelden , die voor zijne eer hun bloed vergoten hebben. Bidden wij hen voor ons zeiven , opdat God ons doe volharden in het geloof en ons een zaligen dood verleene ; bidden wij hen voor allen, die ons dierbaar zijn, voor onze onderhoori-gen en die aan onze zorg zijn toevertrouwd ; bidden wij hen voor onze afgedwaalde broeders, opdat God hen tot den schaapstal van Christus doe terug-keeren; bidden wij hen voor onzen allerheiligsten Vader den Paus , opdat God hem de zege verleene over al zijne vijanden; bidden wij hen voor onze overheid , zoo kerkelijke als wereldlijke : bidden wij hen ook voor de zielen in het vagevuur opdat zij spoedig van hunne pijnen verlost en in do eeuwige vreugde des hemels mogen opgenomen worden.

GEBEl).

O roemrijke Martelaren, die wij met het volste recht onze broeders mogen noemen , o moedige ge-

-ocr page 62-

58

loofshelden, die onzen vaderlandsellen grond niet uw bloed hebt bevochtigd, richt uwe medelijdende blikken op ons, die uwen bijstand afsmeeken en uwe voorspraak inroepen. Gij zijt reeds in de haven des heils aangeland , terwijl wij helaas ! nog op de onstuimige baren der wereldzee door allerlei stormwinden en onweders worden heen en weder geslingerd en in gevaar verkeeren van door de woede der orkanen te worden verslonden en verzwolgen. Steekt gij uwe behulpzame hand tot ons uit; bidt gij voor ons opdat wij alle gevaren mogen te boven komen , opdat ons broos vaartuig ge. lukkig alle klippen moge ontwijken en behouden in de haven moge aanlanden. Verwerft voor ons de genade , dat wij tot het einde toe volharden in het geloot\', waarin wij het geluk hadden te worden geboren en opgevoed, en bidt ook voor onze afge-dwaalde broeders , opdat zij tot de ware Kerk van Christus mogen wederkeeren. en wij allen alzoo slechts „ één Herderslechts „ ééne kuddequot; uitmaken. Bidt voor onzen allerheiligsten Vader den Paus, opdat God hem beware en verdedige tegen zijne menigvuldige vijanden, die ook de vijanden zijn van Christus, wiens vertegenwoordiger hij is op aarde. Bidt voor onze geestelijke en wereldlijke Oversten , opdat zij hunne moeielijke en verhevene taak naar behooren vervullen en de aan hunne zorg toevertrouwden op den weg des heils geleiden en bewaren. Bidt in het bijzonder voor de Kerk van Nederland , opdat deze weder tot haar vorigen bloei moge terugkeeren: bidt voor allen, die den ook u zoo dierbaren grond, waarop gij geleefd,

-ocr page 63-

50

gearbeid cu uwe roemvolle martelpalmen gepinkt hebt, beivonen, opdat Gods zegen in de ruimste mate over lien moge nederdalen ; bidt voor de ongelukkige zondaars opdat zij ziek bekeeren; bidt voor de reelitvaardigen . opdat zij volharden: bidt voor ons allen, opdat wij evenals gij in G-ods liefde van deze wereld mogen scheiden. Bidt voor de zielen in het vagevuur, en meer bijzonderlijk voor de afgestorvenen leden onzer Broederschap , opdat God hunne pijnen verlichte en verkorte en ten spoedigste hun den hemel ontsluite, waarnaar zij zoozeer verzuchten en waar wij allen eens met u het goddelijk Aanschijn voor alle eeuwigheid hopen te aanschouwen. Amen.

-ocr page 64-

60

MISGEBEDEN*

.el H. jNIisorter is ceuc afbeelding, eene gedachtenis, eene vernieuwing of liever eene voortzetting van het groote en bloedige ofler, dat eens op den Calvarieberg werd opgedragen . toen onze goddelijke Zaligmaker , om ons van de slavernij des duivels te verlossen, den smaadvollen kruisdood onderging. Immers diezelfde Jesus , die zich al-daar op eene bloedige wijze, door de handen zijner beulen als zoenoH\'cr voor onze zoudeschuld aanbood , diezelfde Jesus otiert zich nog voortdurend in onze kerken , op onze altaren aan den Hemelschen Vader op. Niet echter in een zichtbare menschelijke gedaante, maar onder den schijn van brood en wijn; — niet op eene bloedige wijze, door de handen der beulen , maar op eene onbloedige wijze , dooide handen van zijnen dienaar, den Priester. — en Hij doet dit, evenals hij dit deed op den Calvarieberg, om aan God de hulde te brengen, die Hem verschuldigd is, om te voldoen voor onze schulden, om Hem den verplichten dank te brengen voor zijne menigvuldige weldaden en om tevens nieuwe genaden van Hem te verkrijgen.

liet H. Misofler wordt allé au en uitsluitend aan God opgedragen, „wien alléén de opperste eer en aanbidding toekomt, van wien alléén alle goede gaven voortspruitenquot;\' en van wien alléén wij de vergiffenis onzer schulden kunnen en mogen verhopen. Nochtans mogen wij aan God dit 11. Misoffer opdragen ter gedachtenis en ter eere der Heiligen. „ Wij dragen aan God gt; zoo sprak reeds de H. Au-„ gustinus, onze offers op op de graven der Martelaren , j, ten einde Hem daardoor te danken voor de zege, die Hij

-ocr page 65-

61

dien roemrijke bloetliretuifrcn heeft gcsehoukcn , ten ciude „ ons door de herinnering van hunnen marteldood op te „wekken om in hunne overwinningen te doelen, ... en „ ten einde deelachtig te worden aan hunne verdiensten en ,, door hunne voorbede geholpen te worden.quot;

Om het H. .Misoffer gelijk het behoort bij te wonen, behooren wij ons te vereeuigen met den Priester en hein te volgen. Wij zullen daarom in de volgende bladzijden voornamelijk die gebeden aangeven, die het Romeinsch Missaal voorschrijft. Waar deze niet toereikend mochten zijn voor sommige sedeelten der H. Mis, kan men die aanvullen door het Onze Vader, de Akten van Geloof enz. of andere hiernavolgende gebeden.

Voorhercidci/d gettr.d.

»5lt; In den naam des Vaders , enz.

Ik geloof en belijd, o mijn God, dat liet H. Misoffer het onbloedig offer is der Nieuwe Wet, ingesteld door J esus Christus, uwen Zoon . onzen Verlosser, toen Hij tot zijne Apostelen sprak: „ Doet dit ter mijner gedachtenisquot;, en dat Hij zich zelf dagelijks daardoor aan TJ, zijn hemelschen Vader, slachtoffert, gelijk Hij eens ziel» zelf op eene bloedige wijze op den Calvarieberg geslachtofferd heeft.

In vereeniging met den Priester en de geheele H. Kerk draag ik LF dit H. Misoffer op niet alleen ter boeting en voldoening mijner zonden en schulden, maar ook om TJ de rechtmatige hulde en aanbidding te bewijzen, die wij aan uwe Majesteit zijn verschuldigd , en U te danken voor al de gunsten en weldaden, die uwe goedheid ons heeft bewezen. Tegelijk hoop ik door de voorbede der HH. Martelaren van Gorkum , die hier den roemvolst en mar-

-ocr page 66-

62

teldood hebben ondergaan, daardoor al de genaden te bekomen , die mij noodig zijn.

In bet bijzonder vraag ilc U. ...

Hier de bijzondere gunsten te herdenken, voor welke men meer bijzonder de voorbede der HH. Martelaren inroept.

Ook smeek ik uw goddelijken bijstand en milden bemelsohen zegen af voor mijn gezin, voor mijne verwanten en vrienden , voor Zijne Heiligheid den Paus van .Bome , voor al de .Bissclioppen der Kerk en inzonderheid voor den llisschop van \'s Boseh, voor onze geestelijke herders, voor ons geëerbiedigd Vorstenhuis, voor al onze ISederlandsehe Katholieken en ook voor alle andersgezinden, en eindelijk wensch ik de verdiensten van dit H. Misoffer nog toe te voegen aan al de geloovig\'e zielen in het Vagevuur, bijzonder aan de overledene leden onzer Broederschap en aan diegenen vooral, voor welke ik meer in liet bijzonder verplicht ben te bidden....

H. Maria, Moeder Gods, bid voor mij en verkrijg mij de ware gesteltenissen om dit H. Misoffer met vrucht bij te wonen.

HH. Martelaren van Gorkum, verwerft mij diezelfde vurige en levendige godsvrucht, die in u zoo schitterend heeft uitgeschenen. Amen.

Be Priester maakt het II. Kruisteeken aan den voet van het altaar.

t%lt; In den naam des Vaders , enz.

JPs. 42.

Ik zal tot Gods altaar opgaan, tot God, die mijne jeugd verblijdt.

-ocr page 67-

63

Verschaf mij recht, o God , en handhaaf mijne zaak tegen een onheilig volk: verlos mij uit de macht van den man van onrecht en bedrog.

Gij immers, o God, zijt mijne sterkte. Waarom hebt Gij mij verstoeten en ga ik treurig daarheen , onder den druk van mijn vijand P

Zend uw licht en uwe waarheid uit: deze zullen mij geleiden en heenvoeren naar uwen heiligen berg en uwe woonstede.

En ik zal tot Gods altaar opgaan, tot God , die mijne jeugd verblijdt.

Ik zal xiwen lof zingen op de harpe, o God, mijn God. Waarom zijt gij bedroefd, o mijne ziel, en verontrust gij mij P

Stel uwe hoop op God, want ik zal Hem nog lofprijzen ; Gij zijt mijn heil en mijn God.

Eere zij den Vader, enz.

Ik zal tot Gods altaar opgaan, tof God, die mijne jeugd verblijdt.

Onze hulp is in den naam des Heeren , die hemel en aarde heeft gemaakt.

Terwijl de priester en na hem de Diaken en Subdiaken met de overige aan het altaar aanwezige dienaren diep uederhuigen :

Ik belijd voor den almachtigen God, de H. Maria altijd Maagd, den H. Aartsengel Michael, den H. Joannes den Dooper, de HH. Apostelen Petrus en Paulus, alle Heiligen en u, vader, dat ik gezondigd heb door gedachten, woorden en werken, het is mijne schuld, mijne schuld, mijne allergrootste schuld. Hierom smeek ik de H. Maria altijd Maagd, den H. Aartsengel Michael, den H. Joaunes den

-ocr page 68-

64

Dooper, de HH. Apostelen Petrus en Paulus , alle Heiligen en u , vader , voor mij te bidden tot den Heer onzen God.

Dat de almaclitige God zicli over ons ontferme, ons onze zonden vergeve en ons liet eeuwig leven binnenleidt!. Amen.

(j, Verleene ons do almaclitige en barmkartige God de kwijtschelding, vrijspraak en vergifi\'enis van onze zouden. Amen.

O God, gij zult u tot ons keeren en ons liet leven wedergeven. En uw volk zal zicli in u verlieugen.

Toon, o Heer, ons uwe barmhartigheid en geef ons uw heil.

Heer, verhoor mijn gebed, en mijn geroep stijge tor u op.

Üe priester beklimt het altaar en kust het.

:Seem , o Heer , bidden wij II, onze ongerechtigheden van ons weg, ten einde wij waardig mogen zijn met een rein hart in het Heilige der heiligen in te gaan. Wij smeeken TJ, o Heer, door de verdiensten der Heiligen, wier overblijfselen hier bewaard worden, en van alle Heiligen, mij de kwijtschelding mijner zonden te verleenen.

Onder het beioieroo/cen can het altaar.

Moge , o Heer, het H. Misofi\'er , dat ik U met den priester , uwen dienaar, opdraag , welgevallig zijn in uwe oogen. Moge mijn smeeken tot voor den troon uwer majesteit opklimmen, gelijk deze wierook ten hemel opstijgt, en moge uwe genade tot mij afdalen. Open uwe milde vaderhand, o God

-ocr page 69-

05

van liefde en goedertierenlieid. en verleen ons do gunsten, die w ij behoeven.

lgt;o priester leest hel Ju fi-nifiis.

Laat, o Heer, liet gezuclit. uwer gevangenen tot uw aanscliijn doordringen; vergeld onze vrienden zevenvoudig; en laat liet bloed uwer Heiligen, dat vergoten werd, niet ongewroken blijven. — De liei-denen o God, zijn in uw erfdeel gekomen en hebben uwen heiligen tempel ontheiligd; zij hebben Jerusalem, uwe H. Kerk, verwoest. (Ps. 78.) Eer zij den Vader, enz. Jteu herhale: Laat, o Heer, enz. tut-. De heidenen.

Hij liet Hj/yiï,

H eer, ontferm { onzer. (ilrieiiiaal.)

Christus, ontferm 1\' onzer, (driemaal.)

Meer , ontferm ü onzer, (drier,taal.)

O./der het (!Iigt;ri)i in r.rccfsis /gt;lt;■».

Eere zij aan God in den hooge, en op aarde vrede aan do menschen van goeden wil. Wij loven U; wij zegenen Ü ; wij aanbidden 1quot;; wij verheerlijken U; wij betuigen 17 onzen dank ten wille van uwe grooie heerlijkheid. Heer God, hemelsche Koning. God, almachtige A\'ador. Onze Heer Jesus Christus, eeniggoboren Zoon. Hoer God, Lam Cods. Zoon des Vaders, \'\'ij, die de zonden der wereld wegneemt, ontferm TI onzer. Gij, die de zonden der wereld wegneemt, noem ons snieeken aan. Gij , die aan dos Vaders rechterhand zijt gezeten, ontferm XT onzer. Gij immers zijl alléén de Heilige, Gij zijt alléén do Hoor, Gij zijt alléén de r. 5

-ocr page 70-

()G

Allerhoogste, Jesus Cliristug, één met den H. Geest in de heerlijkheid van (ïod den Vader. Amen.

De priester leest de (lt;lt;■ (x t!rn vóór tlrn lipisfr/,

O God, die uwe \'Heilige Martelaren Leonardus en zijne gezellen ter belooning van hun roemrijken strijd voor uw geloof met den onverwelkbaren lauwertak der overwinning hebt bekroond : verleen genadiglijk , dat wij, door hen bijgestaan en op hnn voorbeeld, mogen strijden op aarde om daardoor te verdienen, dat wij eens met hen gekroond worden, in den hemel. Door Jesus Christus onzen Heer, uwen Zoon, die met II leeft en heerscht in de eenheid des 11. Geestes door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

O God, die ons in dit wonderbaar Sacrament de gedachtenis van uw lijden hebt achtergelaten : verleen, bidden wij 17, dat wij de heilige geheimen van uw Vleesch en Bloed op zulk eene wijze en in die mate vereeren. dat wij de vruchten uwer verlossing voor alle eeuwigheid deelachtig worden. Dio leeft en heerscht met God den Vader in de eenheid des H. Geestes door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

I\'.jiisiil.

De zielen der rechtvaardigen zijn in Gods hand, en de pijn des doods zal hen niet treli\'on. In de oogen der onzinnigen schenen zij te sterven, en hnn heengaan werd als eene ramp beschouwd en hunne verwijdering van ons als een ondergang ; zij evenwel zijn in vrede. En hoezeer zij ook voor de menschen

-ocr page 71-

lt;57

folteringen hebben ondergaan, vol onsterfelijkheid is hunne hope. N ;i eene korte kwelling zal hun grootelijks welgedaan worden : want God heeft hen beproefd en hen Zijner waardig bevonden. Als het gond in den smeltoven heeft Hij hen beproefd en Hij nam hen aan als een brandoffer en te zijnen tijde zal Hij hun indachtig zijn. De rechtvaardigen zullen schitteren en als vonken vunrs in een rietveld bun glans verspreiden. Zij zullen de vierschaar spannen over de natiën en hunne heerschappij uitstrekken over de volkeren, en hun ö-od zal heer-schen in eeuwigheid. (IFIJnh. JU). Gode zij dank.

(1 l\'tlll IKKII.

-Hoemrijk is God in zijne Heiligen, wonderbaar in majesteit, en wonderen getuigen zijne Almacht. I we rechterhand, o Heer, is verheerlijkt door uwe kracht, uwe rechterhand heeft uwe vijanden teniet gedaan. Alleluia . Alleluia. De lichamen der Heiligen zijn in vrede begraven en van geslachte tot geslachte zullen hunne namen leven. Alleluia.

Als \'I\'1 tijd het toelaat , kan men ixeheel ot\' gedeeltelijk hier de volprende Kerkhymne bidden.

LA IDA Siox,

Loof, o Sion, loofden Heore,

Zing uw loflied Hem ter eere,

Die u vrijkocht met zijn liloed.

Laat uw toon steeds hooger rijzen :

-^ooit zult gij genoeg Hem prijzen .

Die met eigen Vïeesch u voedt!

-ocr page 72-

Boven allen lof verheven Is liet voedsel ons gegeveii,

\'t quot;Ware levend , liemelsck Brood : \'t Brood . dat oeus . voor alle tijden Op den avond vóór zijn lijden Jesns zijn Apost\'len bood.

Laat uw feest toon luide galmen .

yiing uw blijdste vrongdepsalnien

\'t Heilig Sacrament ter eer : Wil met vreugd den dag berdenken . Die u deze gunst kwam schenken . Zegen, loof en prijs den Heer!

i ( Hide faaschfeest is verdwenen , \'t Nieuwe Paaschlam is verschenen ,

Dat ziek zelf ten oiler bracht : \'t ()ud Verbond moet thans ook zwichten Voor de Waarheid , die komt lichten ; Voor den dag wijkt hier de nacht.

Om het lijden onzes Heeren ,

Om zijn kruisdood te vereeren

Naar zijn woord en zijn gebod, Heil\'gen wij door \'s Priesters handen Brood en wijn, tot offeranden Aan den allerhoogsten God.

-ocr page 73-

G!»

En. naar al de VaacTren loeren,

Wiirdr. liet brood liet YleesoU des lleeren

En de wijn des lleeren Bloed.

\'t ()Oft kan \'t wonder niet ontwaren , .Slechts \'t geloot\' kan ons verklaren \'t Wonden , dat Gods Almaelit doet.

\'t Moge brood en wijn nog\' scliijnen ,

Beider wezen moet verdwijnen ,

Als des Priesters woord beveelt:

\'t Bloed wordt drank, liet Vleesrh wordt spijze Spijze ot\' drank , op elke wijze Blijft tocli Christus onverdeeld.

(Jnverdeekl blijft Hij in wezen; Scheiding heeft men niet te vreezen ,

Daar zijn Godheid Hem beschut; (In verdeeld en ongesehonden .

Ook al wordt door duizend monden \'t Heilig Sacrament genut.

Zie hoe zondaars, zie hoe braven Zich aan deze heilbron laven

En zich voeden met hun God. Doch waar goeden \'t leven putten Zal de booze doemnis mitten : Zóó verscheiden is hun lot!

-ocr page 74-

/Act gij soms de Hostie breken ,

Slechts de schijn . \'t uitwendig teeken ,

Xiel mv Jesus, wordt verdeeld.

lt; )olc in \'r kleinste deel verholen, —

Naar de loer, die niet kan dolen, —

Blijft Hij ganscli en onverdeeld.

Zie , hei brood der Kug\'1 enkoren Wordt den mensch tot spijs beschoren

Als het manna der woestijn .

Dat niet Isaac . die zon sneven ,

Als een beeld ons was gegeven ,

Wat ook \'t Paaschlam ons moest zijn.

Goede Herder, wil ons voeden lin voor alle Icwaad ons hoeden:

treef ons deel in \'s hemels loon !

Geef, dat we eens, na \'taardsche lijden. Met nw Fleil\'gen ons verblijden In de zaal\'ge vreugde woon \'

Vóór het I^i iuh/cIir.

lieinig Gij mijn hart , almachtige God , Gij , die de lippen van uwen profeet Isaïas met een gloeiende kool hebt gereinigd , opdat ik door uwe oneindige goedertierenheid waardig bevonden worde uw woord te hooren en het in mij duurzame en overvloedige vruchten voor het eeuwig leven voortbrenge. in den naam des Vaders , enz.

-ocr page 75-

71

l]rlt;i injilif.

^ Het II. K vangel ie volgens den H. Evangelist Lucas. XXI.

In dien tijd sprak Jesus tot zijne leerlingen ; Ontstelt U niet, wanneer gij van oorlogen en oproeren zult liooren: eerst moet dit alles geaeliieden, maar nog is niet terstond liet einde daar. Voorts zeide Hij hun: Het eene volk zal opstaan tegen het andere en liet eene rijk tegen het andere. En overal zullen er groote aardbevingen en pestziekte en hongersnood ontstaan, en schrikwekkende verschijnselen aan den hemel en groote wonderteekenen zullen gezien worden. Vooraleer evenwel dit alles zal gebeuren, zal men de handen aan u slaan en u vervolgen ; men zal u overleveren aan de Synagoge en de gevangenissen en n voor koningen en landvoogden slepen wegens mijnen naam ; dit alles nu zal u overkomen om u getuigenis te doen geven. Stelt dan in uwe harten vast om niet voortiit te bedenken, hoe gij zult antwoorden. Want ik zelt\' zal u een mond en wijsheid geven. waaraan geen uwer tegenstanders weerstand of tegenspraak zal kunnen tegenoverstellen. I\'m gij zult overgeleverd worden door ouders en broeders en bloedverwanten en vrienden, en sommigen van u zullen zij den dood aandoen; en van allen zult gij gehaat worden wegens mijnen naam , doch niet een haar van uw hoofd zal verloren gaan. Door uwe lijdzaamheid zult gij uwe zielen bezitten. Lof zij God.

Mogen door de woorden van het Evangelie onze misdrijven uitgewischt worden!

-ocr page 76-

(\'red*).

Ik ucioof in i\'óii God, dcu alniai-liii^cn \\ iuu\'r . Scliepper van homol cn aarde, van allo zichtbare eu onziclitbare diugen. En in érnen lleer.lesns Christus , Gods ecniggcboreu Zoon en die vlt;,)or alle eeuwen uit den \\ ader is geboren. Die God is uit God. licht uit licht., de ware God uit den waren God. Die geboren is, niet gemaakt, dip medezei 1-siandig is met den Vader : door wien alles gemaakt is. Die om onzentwille cn om onze zaligheid uit den hemel is nedergedaald. En Hij is vleesch geworden door don 11. Geest uit de Maagd Maria: en Mij is mensch geworden. Ook is Hij voor ons gekruist geworden, en heeft Hij geleden on is Hij begraven onder Pontius Pilatus. En ten dorden dage is ilij verrezen, naar de III\'. Schriften. En Hij is opgeklommen ten hemel en is gezeten aan de rechterhand zijns Vaders. En eens zal Hij met heerlijkheid wederkomen om. de levenden en dooden te oordeelen, en Zijn rijk zal geen einde hebben, ik geloof in den Heiligen Geest, die Hoer is en levend maakt. die van don A ader en den Zoon voortkomt. Die tegelijk met don Vader en den Zoon wordt aanbeden en verheerlijkt; die gesproken heeft door de Profeten. Ik geloof ccne , heilige , katholieke en apostolische Kerk. Ik erken één doopsel ter vergeving der zonden. En ik verwacht de verrijzenis der dooden. En hiernamaals het eeuwige leven. Am.

Hij de (gt;lf\'cr(tmU\',

Dc Oll\'cnnuli! In-hoort met de Coiisccratie cu di; Xiittin^ tot di- \\oünla;lUl^tl, dil len der II. -Miï^. ij \'ndiuorcii liic «lus met dc meeste aandacht bij te wonen.

-ocr page 77-

Laat oxs hidden.

Y\\\'midcrbaai\' is God in zijne Heiligen : Hij , lt;lo God van üsi\'aël. iiij zal zijn volk Icracht en sterkte sehejiken : gezegend zij Goil. alleluia.

.\\gt; hel Oiildeiieu \'l\'-n kelk hcijI d\'1 Priester ile pfflcen de hoxtie. \'he l • / offert cnu 1 lt; (y\'. tenc/.jl h\') zeyt:

JS\'eem, o II. Vader, ;ilmaclitig God, deze onbevlekte Olicrande aan, die ik, nw onwaardige dienaar, aan. 17 , mijnen levenden en waren God, opdraag voor mijne ontelbare zonden en misslagen en nalatigheden. en voor alle omstanders, en tevens voor alle geloovige oliristenen , levenden en overledenen: op-dal deze mij en hun ter zaligheid bevorderlijk zij voor hei eeuwig leven.

Terwijl di\' Priester hel quot;quot;\'ter zegisut, icaarcfii hij een l leiu (jedeeltc roec/t bij den. iciju :

(I God, die door een wonder mver almacht den mensrh in zulk eene hooge waardigheid hebt geseha-pen en die door een nog grooter wonder hem in deze zijne zoo groote ■waardigheid quot;weder hebt hersteld : verleen ons door de geheimenis . die dit water en deze wijn ons afbeelden , dat wij mogen deebirhtig worden aan de Godheid van Hem, die zieh ge-waardigd heeft aan onze mensi-hlieid deelachtig te worden , .lesus Christus, uwen Zoon . onzen Heer , die met 17 leeft en heerscht in de eenheid des II. Geestes door alle eeuwen der eeuwen. Amen. l)r Pncstcr ojfert den heil\'.

AVij olleren IT, o Heer, den kelk des heils en smeeken met vurigheid uwe goddelijke barmhartig-

-ocr page 78-

lieid, dat li ij met een aangenamen geur tot uw aanschijn moge opstijgen voor onze zaligheid en die der gansclie wereld.

Laat ons, o lieer , in den geest van nederiglieid en met een vermorzeld barte door 1\' worden aangenomen , en laat lieden ons oller aldus in uw aanschijn geschieden, dat het 1* welgevallig zij , o Heer God.

Kom. Heiligmaker, almachtige, eeuwige God. en zegen dit oller, dat uwen heiligen naam is bereid.

,/gt;\'// hef wijden can den wierook „•

Door de tusschenkomst van den H. Aartsengel Michael, die aan de rechterband van her wierookaltaar staat, en van al zijne uitverkorenen, gewaardige zich de Heer dezen wierook te zegenen en ais een Hem aangenamen geur aan te nemen.

/gt;\'// he! bewierooken van het altaar.

Laat deze door U gezegende wierook tot U , o Heer, opstijgen eu laat uwe barmhartigheid op ons afdalen.

Laat mijn gebed als deze wierook tot uw aanschijn, o Heer, heengevoerd worden: laat het opheffen mijner handen 1 een aangenaam avondoller zijn. Stel, o Heer, eene wacht aan mijnen mond en eene verschansing aan mijne lippen, ten einde mijn hart niet neige tot woorden van boosheid ter verontschuldiging der zonden.

De Heer ontsteke in ons het vuur zijner liefde en de vlam der eeuwige liefde. Amen.

-ocr page 79-

De l\'riester wascht zijne handen.

Onder cle onseliuldigcn zal ik mijne lianden was-schen, en ik zal mij om mr altaar scliaren, o Heer,

Om iiAven lot\' aan te liooren en uwe wonderdaden te vermelden.

Heer, ik lieb den luister van uw huis en de woonplaats uwer heerlijkheid liefgehad.

Laat mijne ziel, o God, niet met de goddeloozen en mijn leven niet met de mannen des hloeds ten-ondergaan.

In hunne lianden zijn ongereehtigheden en h unne rechter is met geschenken vervuld.

Doch ik, ik wandelde in mijne onschuld: verlos mij en ontferm 1 mijner.

Mijn voet staat op effen baan: in de vergaderingen der geloovigen zal ik l\' lofzingen. (lJs. 25).

Eere zij den Vader enz.

Sa hel wasschien der handen :

Xeem, o heilige Drievuldigheid, deze oflerande aan, die wij 1 opdragen ter gedachtenis van het lijden. de verrijzenis en de hemelvaart van Jesns Christus onzen Heer; en tevens ter vereering van de allerheiligste Maria altijd maagd. en van den H. Joannes den Dooper, en van de HH. Apostelen Petrus en Paulus, (en. nan de HE. Marlefiiven van Gork/mj en van alle Heiligen: ten einde zij hun ter eere, doch ons daarentegen ter zaligheid Strêkke, en zij , wier gedachtenis wij vieren op aarde • voor ons ten beste spreken in den Hemel. Amen.

-ocr page 80-

Hij het lt;h-atr . l\'rdircs;

Mogo de Heer deze ofierande uit onze liandeu aanvaarden tot lofprijzing en vovheerlijlcing van /iijnon naam en tevens tot ons heil en dat Zijner gelieele 1!eilige Is evk.

De stille f/chftlfii.

Verlioor, o Heer, goedgunstig de geboden, die wij ter gedachtenis uwer Heiligen tot richten, ten einde wij, die op eigen gerechtigheid niet lennnon vertrouwen , geholpen worden door de verdiensten van hen die I welgevallig waren. Door Onzen Heer J. (, die met T leeft en heerscht enz.

Verleen genadiglijk, o Heer, aan uwe Kerk do gaven van oonhoid en vrede, die door doze geheimzinnige ollergaven worden beteekond. Dóór Onzen. Hoor •). C. enz.

I\'iuhl\'trtic.

De Hoor zij niet n.— Kn met uwen geest.

Heft uwe harten oinhoog. — Wij hebben zo tot God verheven.

Laat ons den Heer onzen God onzen dank betuigen.

Dit is rechtmatig en billijk.

In waarheid is het rechtmatig en billijk, is het onze plicht en ons belang, dat wij ten allen tijde en op allo plaatsen l\' onzen dank betuigen, Heilige Heer, almachtige Vader. eeuwige God, door Christus onzen Heer. Door Hem immers lofprijzen de Engelen uwe majesteit, aanbidden u do Heerlijkheden, sidderen voor 1\' de machten. Door Hem lofzingen 1T do hemelen en de krachten der hemelen

-ocr page 81-

/ I

en do zalige SeraHjnen in eene gemeensohappelijke verblijding. Wij smeekon 1T dan pok onze lofzangen tegelijk met de limine te willen toelaten, en zeggen dan ook, terwijl wij in allen ootmoed belijdenis van ons geloot\' aHeggen;

Heilig, Heilig, Heilig is de Heer der licerkraeli-ten. Hemel en aarde zijn vol van uwe lieerlijklieid. Hosanna in den liooge. Gezegend zij Hij, die komt in den naam des Heeren.

/)lt;■ Ca non tier Mis,

Ootmoedig neergebogen bidden en smeeken wij li dus, allergoedertierensle Vader, door -lesus Christus, Uwen Zoon, onzen Heer, dat Gij I gewaar-diget deze giften , deze gaven . deze onbevlekte heilige ofleranden aan te nemen en Ie zegenen; wij dragen V die op en wel allereerst voor uwe heilige Katliolieke Iverk: gewaardig 1* haar in vrede en eenheid te bewaren en te bestieren. tegelijk met uwen dienaar onzen Pans (Leo) en onzen Kerkvoogd (Adriaans) en alle rechtgeloovigea en volgelingen der katholieke en apostolische geloofsleer.

Gedenk. Heer, ook uwe dienaren en dienaressen . . . ntier noenit iaën de U-vcmh-u . voor welke we// bijzonder het JL Misoffer opdraagt), en alle aanwezigen, wier geloof en godsvrucht l bekend zijn; voor wie wij U dit lofoffer opdragen of die zeiven het U opdragen voor zich zeiven, voor al de hunnen, voor de zaligmaking hunner zielen, in het vertrouwen daardoor lum heil te behartigen en van alle onheil bevrijd te blijven, en die I , den eeuwigen . levenden en waren God hunne wenschen en begeerten blootleggen.

-ocr page 82-

Wij brengen U deze H. Ofl\'erande in gemeenscliap niet en ter vereering van de gedachtenis op de eerste plaats der heilige Maagd Maria, de Moeder van .1 csus Christus onzen God en Heer ; vervolgens van uwe heilige Apostelen en Martelaren, Petrus en Paulns, Andreas, Jacobus, Joannes, Thomas, Jacobus, Philippus , Bartholomens , Mattheus , Simon en Thaddeus ; Linus , C \'letus , Clemens, Sixtus, Cornelius ; Cvprianus , Lanrentius, Chrysogonus, Joannes en Paulus, Cosmas en Damianus, en van alle uwe Heiligen. Door hunne verdiensten en smeekingen vragen wij 1\' in alles door de hulp uwer bescherming te worden bijgestaan. Door denzelfden onzen Reer. Amen.

Wij bidden IJ dan. Heer, deze ofi\'ergave, waardoor wij onze onderworpenheid en algeheele afhankelijkheid en die van uw gansch gezin aan uwe goddelijke Majesteit erkennen, ter verzoening aan te nemen , ons uwen vrede te schenken, ons van de eeuwige verdoemenis te verlossen en eens in het gezelschap uwer uitverkorenen op te nemen. Door Christus, onzen Heer. Amen.

Grewaardig l\'. o God, deze olterande ten zeerste te zegenen en goed te keuren, te bekrachtigen en als eene U welgevallige en redelijke gave aan te nemen , opdat zij voor ons het Lichaam en Bloed worde van uwen allerliefsten Zoon Jesus Christus onzen Heer.

llicr begint de Consecratie, liet voornaamste deel van het H. Misoffer, waarin het brood en de wijn, door de woorden, die dc Priester spreekt. worden veranderd in het goddelijk Vleeseh en Utoed van Jeaus Chrisins. De Priester heft de II. Hostie en den Kelk op ter aanbidding der geloovigen.

-ocr page 83-

W ij bchoorcn dus hier ook on/.ou goddelijken Zaligmaker mot de diepste godsvmelit de liulde onzer eerbiedige aanbidding aan te bieden.

O mijn Jesus, die hieronder de nederige gedaante van brood en wijn verscholen zijt, ik aanbid U uit het diepste van mijn hart. Mijne zintuigen kunnen wel is waar uwe tegenwoordigheid in ons midden niet waarnemen: nochtans door 1 onderwezen belijd ik met de geheele heilige Katholieke Xerk on met de zalige Martelaars van Gorkum, die alhier daarvoor hun bloed vergoten hebben, de geloofswaarheid , dat gij waarlijk . werkelijk en zelf-standiglijk in dit Hoogheilig Sacrament tegenwoordig zijt. Voor I\' met den diepsten eerbied neergeknield olier ik 1T de nederige hulde mijner vereering en aanbidding, tot erkentenis van de groote liefde, die 1 bewoog dit H. Sacrament in te stellen, en tot eereboete tevens voor al de beleedigingen . die Gij daarin van den kant uwer vijanden en ook van mij hebt ondergaan en belaas ! ook voortdurend moet blijven ondergaan.

Ik aanbid I: . o Jesus , Herder aller geloovigen , versterk mijn geloof en dat van allen , die in TJ ge-looven : bevestig en vermeerder onze hoop , en doe onze liefde tot Tr steeds vuriger en vuriger worden. Amen.

Wc ffc ophrfï\'mU\'

Daarom, o Heer, bieden wij, uwe dienaren en tevens uwe geheele H. Kerk, ter gedachtenis van het zalig lijden, do opstanding uit den doode en de

-ocr page 84-

hemelvaart: van cl rn zei felon Jesus Christ us onzen Heer , uwe verheven Majesteit van hetgeen quot;nvij van uwe goedheid en weldadigheid ontvingen deze zuivere. deze heilige , deze vleklcelooze ollerande aan . het heilig Brood nn mei ijle des eeuwigen levens en den Xe Ik des eeuwigen heils.

Gewaardig 17 met een gunstig en genadig oog daarop neder te zien en die aan te nemen , evenals Gij l gewaardigd hebt de oiiergaven aan te nemen van uwen reel it vaardigen Abel en de oü\'erande van onzen Aartsvader Abraham en hel heilig oiler, de onbevlekte offerande, die uw priester Meh-hisederh 1\' heeft opgedragen.

In ootmoed neergebogen smeeken. wij l , almachtige God, dat Gij deze onze gave door de handen van uwen Engel laat overbrengen naar uw verheven altaar, tot voor het aanschijn uwer Goddelijke Majesteit, opdat wij allen, die deelnemen aan deze altaargave en het hoogheilig Lichaam en Bloed van uwen Zoon zullen genuttigd hebben, met alle heinel-sehe zegeningen en genaden mogen vervuld worden. Door denzelfden Christus onzen Heer. Amen.

Gedenk tevens , o Heer , uwe dienaren en dienaressen , .... (hier iioont nicu de oi\'i\'i\'Ict/ciK\'if * die men (iiui de cerdieusteu vuu het H. yiisojjev icensc/if deelachtig te maken), die ons met het teeken des geloofs zijti voorgegaan en den slaap des vredes slapen. Verleen, bidden wij l . o Heer. hun en allen die in Christus rusten, de plaats van verkwikking , licht en vrede. Door denzelfden Christus onzen Heer. Amen.

Gewaardig l ook ons, zondaars, die uwe dienaren

-ocr page 85-

SI

zijn en onze Loop geatelcl liebben op de menigte uwer barmhartiglieden, eenige deelgenootschap en gemeenschap te verleenen met uwe Ileilige Apostelen en Martelaren; met Joannes , Stephanus, Matthias, liarnalias. Ignatius, Alexander, Marc.ellinus, Petrus, ïelicitas , Perpetna , Agatha, Jjueia, Agnes, Cecilia, Anastasia en met al uwe lleiligen ; laat ons in hun gezelschap toe niet ten wille onzer verdiensten, maar ten wille uwer barmhartigheid en vergevensgezindheid. Door Christus onzen Heer, door wien Gij, o Heer, altijd al deze goede gaven schept, heiligt, levend maakt, zegent en ons schenkt.

Door Hem en met Hem en in Hem wordt U, God den almachtigen Vader, in de eenheid des H. Geestes, alle eer en glorie toegebracht.

liet rater jios/cr of Onze-Vader.

Door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Laat ons bidden. Door heilzame geboden en goddelijke onderrichting voorgelicht durven wij zeggen:

Onze Vader , die in de hemelen zijt. Geheiligd zij uw naam. Ons toekome uw rijk. Uw wil geschiede op aarde als in den hemel. Geef ons heden ons dagelijksch brood. En vergeef ons onze schulden , gelijk wij vergeven onzen schuldenaren. En leid ons niet in bekoring. Maar verlos ons van den kwade. Amen.

Verlos ons, smeeken wij l , o Heer, van alle verleden, tegenwoordig en toekomstig kwaad, en geef ons, door de voorspraak van de zalige en roemrijke Moeder Gods Maria altijd Maagd, tegelijk i\'. t3

-ocr page 86-

niet die der zalige Apostelen Petrus en Panhis en Andreas en van alle Heiligen, in nwe goedertieren-lieid den vrede in onze dagen : opdat -svij met de litilp mxer barmhartigheid steeds vrij van zonden en quot;beveiligd tegen alle stoornissen mogen leven. Door denzelfden Jesus Christus onzen Heer , uwen Zoon. die met U leeft en heerscht in de eenheid van God den H. Geest.

Hoor alle eeuwen der eeuwen. Amen.

De vrede des Heeren zij immer met u. En met uwen geest.

Hier laat de priester een yedeelte der verdeelde 11. Hostie iii den Kelk vallen..

Deze vermenging en heiliging van hei Lichaam en het Bloed onzes Heeren Jesus Christus strekke ons, die het nuttigen, ten eeuwigen leven. Amen.

Terwijl de priester zich op de horst slaat ;

Lam Gods, dar do zonden der wereld wegneemt, ontferm 17 onzer.

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, ontferm 11 onzer.

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, geef ons den vrede.

Heer Jesns Christus, die tot uwe Apostelen hebt gesproken: Ik laat n den vrede achter, mijnen vrede schenk Ik u ; sla uwe oogen niet op mijne zonden, maar op het geloot uwer Kerk, en gewaar-dig TT deze naar uwen wil in vrede en eenheid te bevestigen. Die leeft en heerscht als God dooi alle eeuwen der eeuwen. Amen.

-ocr page 87-

Heer Jesus Cliristus, Zoon van den levenden (■od, die naar den wil utvs Hemelscken Vaders, onder de medewerking des Heiligen Geestes , door uwen dood aan de wereld liet leven hebt weergegeven : verlos mij door dit uw hoogheilig Lichaam en Bloed van al mijne ongerechtigheden en van alle kwaad, en geef, dat ik immer uwe geboden aankleve en nimmer van 1\' gescheiden worde. Die met denzelfden God den Vader en den Heiligen Geest leeft en heerscht als God, door alle eenwen der eeuwen. Amen.

Laat, o Heer, Jesus Christus, de nuttiging van uw Lichaam , dat ik , onwaardige , wensch te ontvangen , mij niet strekken ter veroordeeling en ter verdoemenis, maar dat het, naar de mate uwer goedertierenheid, mij strekke tot bescherming van mijne ziel en mijn lichaam en ter verkrijging mijner genezing. Die. leeft en heerscht met God den Vader in de eenheid des Heiligen Geestes als God , door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Bij het Dohiinc non sum us.

Heer, ik ben niet waardig , dat Gij onder mijn dak komt, maar spreek slechts één enkel woord en mijne ziel zal gezond worden. (Driemaal deze woorden te herhalen.)

Het Lichaam onzes Heeren J esus Christus beware mijne ziel ten eeuwigen leven. Amen.

Wat zal ik den Heere wedergeven voor alles wat Hij mij heeft gegeven? Ik zal den kelk des heils opnemen en den naam des Heeren aanroepen. ]k zal den Heer lofprijzen en aanroepen en ik zal veilig zijn tegen alle mijne vijanden.

-ocr page 88-

tS\'1

Wanneer men de II. Commimie onder de H. Mis niet ontvangt, moet men hier althans eene geestelijke Commimie verrichten, dat is, het verlangen en den wensch in zich opweiheu, om lesus werkelijk in zijn hart te outran gen. Bit kan geheuren op deze of dergelijke wijze.

O lieve Jesus , koe gaarne zou ik aan uwen lief-demaaltijd aanzitten en uw heilig Lichaam en Bloed uit de handen des priesters ontvangen! Ik weet echter, dat ik eene zoo groote gunst onwaardig hen: mijne veelvuldige gebreken en onvolmaaktheden , mijne geringe liefde en godsvrucht helaas\' zijn daartoe een beletsel. Doch al is het ook, o mijn God, dat ik T\' niet werkelijk en in wezenlijkheid kan ontvangen , toch wil ik TJ den innigen wensch van mijn hart te kennen geven, dat ik met de hulp uwer genade van alle mijne zonden en schulden en onvolmaaktheden spoedig moge gereinigd worden, ten einde U mijn hart als eene L waardige woonplaats te kunnen aanbieden. O Jesus , mijne liefde en mijn al , moge dit oogenblik weldra voor mij aanbreken! Moge mijne ziel spoedig door uwe goddelijke tegenwoordigheid vertroost, verkwikt en versterkt worden. „Evenals het dorstige hert smacht naar de waterbronnen . evenzeer smacht mijne ziel naar TJ , mijn God.quot;

Het Bloed van onzen Heer Jesus Christus beware mijne ziel ten eeuwigen leven. Amen.

Laat ons , o Heer, in eene zuivere ziel ontvangen wat wij met den mond hebben genuttigd, en laat deze tijdelijke gave ons tot een eeuwigdurend geneesmiddel verstrekken.

-ocr page 89-

Bij het schenken nan, den. wijn en het water

Fw Lichaam, o Heer, dat ik genuttigd, en uw Bloed, dat ik gedronken heb, blijve in uiijn hart en in mijn binnenste; en geef, dat door het ont. vangen van dit vlekkeloos en heilig Sacrament in mij geen enkele vlek van zonden overblijve. Die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Nadat de priester den helle heeft gedekt :

Al hebben zij naar het oordeel der menschen srraflen geleden , God heeft hen beproefd ; als het goud in den smeltoven heeft Hij hen beproefd en als welgevallige brandollers heefi Hij hen aangenomen.

t\'ostrom in llli io.

AVij smeeken IT, o Heer , na uwe heilzame Geheimenissen te hebben genoten , dat de voorspraak der Heiligen , wier gedachtenis wij heden plechtig vieren, ons moge te hulp komen. Door Onzen Heer Jesus Christus, uwen Zoon, die met U leeft en heerscht in de eenheid des Heiligen Geestes door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Geef, o Heer, dat wij eens voor alle eeuwigheid nw goddelijk Aanschijn mogen aanschouwen en 11, die ons opperste Goed zijt, bezitten, welk geluk ons door het nuttigen van nw kostbaar Lichaam en Bloed hier wordt voorafgebeeld. Die leeft en heerscht met God den Vader in de eenheid des Heiligen Geestes, door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

-ocr page 90-

S15

Bij let Ite . jnissff est en den :(tgon.

Laat, o Heilige DrievaldigHeid, de hulde mijner dienstbaarheid 1 welgevallig zijn , en geef, dat het offer. dat ik onwaardige, voor liet aanschijn uwer goddelijke Majesteit heb opgedragen, in uwe oogen genade vinde en door uwe barmhartigheid mij en allen, voor wie ik het heb opgedragen, tot vergeving moge strekken. Door Christus onzen Heer. Amen.

De almachtige God , de Vader, de Zoon en de Heilige Geest zegene ons. Amen.

Jjtidtste I\'vuni/i-tic.

Het begin van liet heilig Evangelie naar Joannes. I.

In den beginne was het \\\\ oord, en het W oord was bij God en het Woord was God. Het was in den beginne bij God. Door Hem, die het Woord is, is alles gemaakt en zonder Hem is niets gemaakt dat gemaakt is. In Hem was het leven en het leven was het licht der menschen: en het licht schijnt in de duisternissen en de duisternissen hebben het niet aangenomen. Een mensch was er, die door God werd gezonden en wiens naam Joannes was. Deze kwam om getuigenis te geven ; om getuigenis te geven van het leven, ten einde allen door hem zouden gelooven. Niet hij was het licht , maar hij was om getuigenis te geven van het licht. Het ware licht was dat, hetwelk elk mensch verlicht, die in deze wereld komt. Hij, (die liet licht is, het Woord) was in deze wereld. en de wereld is door Hem gemaakt, doch de wereld heeft Hem niet gekend.

-ocr page 91-

In zijn eigendom, (tot zijn uitverkoren volk Israël), is Hij gekomen, tlocli de zijnen namen Hem niet aan. Aan zoovelen eeliter als Hem wel aannamen gaf Hij de mackt kinderen Gods te worden , aan diegenen namelijk die in zijnen naam gelooven, die niet xiit den bloede, nocli uit den wil des vleesclies. noeli uit den ttü des mans, maar nit God geboren zijn. En het Woobd is Vijsescti gewoebex en heeft onder ons gewoond; en wij hebben zijne glorie gezien, eene glorie als die van den Eeniggeboren Zoon des Vaders , vol van genade en waarheid. God zij dank.

Vóór en hij den zegen met het Allerheili^te.

p.vnge , lingua.

Loof, mijn tong, \'t geheim des Lichaams, Dat de Heer ter spijze ons bood !

Prijs \'t geheim des iiioeds, dat eenmaal Aller volk\'ren vorst vergoot;

Dat der wereld schuld moest delgen, Ons verlossen uit den nood.

Ons ten heil werd Hij geboren Uit een ongeschonden Maagd ;

\'t Woord zijns monds was ons een heillicht, Dat de duisternis verjaagt;

Doch wie meldt zijn teed\'re liefde,

Ku zijn levenseinde daagt\'

Schonk hij niet, toen met de Apost\'len,

Naar der Vaad\'ren wet en wijs.

-ocr page 92-

8S

Hij zijn laatste Paasclit\'eest vierde .

— Dat heel de, aard dit wonder prijz\'! — Liefd\'rijk Imn met eigen handen \'t Eigen Vleesch en Bloed ter sp\'\'js ?

\'r Vleesch geworden Woord verandert,

Door een woord uit zijnen mond,

quot;r Brood , den wijn in \'t eigen Lichaam ,

\'r Eigen Bloed terzelfder stond ,

Slechts \'t geloof kan \'t wonder vatten,

Daar liet zintuig voor verstomt.

Eeren wij ter aard gebogen

Dan \'t hoogheilig Sacrament:

De Oude Wet wijkt voor de Nieuwe,

Die geen Voorafbeelding kenr.

Eoom\' \'t geloof \'t verstand ter hulpe Waar \'t begrip der zinnen endt!

God den Vader. God den Zone Zij steeds glorie, prijs en eer !

De aarde paar\' haar lofgezangen Aan die van het Eng\'lenheir\'

Hem ook, die van beiden voortkomt ,

Prijze ons lied steeds meer en meer !

Gij hebt hun een brood uit den hemel gegeven , dat alle genot in zich bevat.

LA AT ONS HIDDEN\',

O God, die onder dit wonderbaar Sacrament ons de gedachtenis van uw lijden hebt achtergelaten, verleen ons, sineeken wij TT, dat wij de heilige Ge-

-ocr page 93-

SU

heimeiï van uw Licliaaiu en Bloed op zulk eene wijze ea in die mate vereeren, dat wij voor alle eenwig-lieid de vruchten uwer verlossing mogen genieten. Die leeft en lieersclit door alle eeuwen der eeuwen. Amtn.

SLOTGEBED.

Looft den Heer, alle geslachten, looft Hem, alle volkeren.

Want zijne barmhartigheid over ons is bevestigd, en des Heeren waarachtigheid blijft in eeuwigheid.

Eere zij den Vader, den /oon en den H. Geest, gelijk het was nu en in den beginne en in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

-ocr page 94-

90

J j I T A jNt I E

VAN DE

ÏÏEILICtE MARTELAREN YAI CTORKUM.

Heer, ontferm TJ onzer.

Christus, ontferm T\' onzer.

Heer, ontferm T onzer.

Christus , hoor ons.

Christus , verhoor ons.

God , hemelsehe Vader , ontferm U onzer.

God, Zoon. Verlosser der wereld, ontferm lr on zei

God , Heilige Geest, ontferm IT onzer.

H. Drievuldigheid , één God, ontferm l\' onzer.

Onbevlekte Moedermaagd, Koningin des Hemels

bid voor ons.

H. Moeder Gods , Eoningin der Martelaren . H. Joseph . Bruidegom der H. Maagd en Voedstervader van Jesns ,

H. Joseph , Beschermheilige der Kerk . ;

HH. WillibrorxUis en Bonifaoius, Apostelen van \' Nederland, j

H. Leonardus van Veehei, £

H. Adrianus van Hilvarenbeek,

H. Nicasius van Heeze ,

H. Joannes van Oisterwijk,

Heilige Martelaren , die ons Bisdom tot bijzonderen luister verstrekt en daarom ook onze bijzondere Voorsprekers zijt,

Heilige jNegeniien Martelaren van Gorkum,

-ocr page 95-

91

Heilige en onverschrokken Helden, die nw bloed

voor Jesns vergoten hebt, bidt voor ons.

Heilige Bloedgetuigen, wier hoofd niet de luisterrijke Martelaarskroon versierd is ,

Boemrijke Strijders in den strijd tegen de vijanden van -Jesns\' leer ,

Glorievolle Martelaren, die het ware geloof in ons Vaderland met uw bloed bezegeld hebt, W aardige leerlingen en volgelingen van den

Goddelijken Verlosser , 5^

Heldhaftige verkondigers der ware leer, —

Roemrijke verdedigers der katholieke geloofs- lt; waarheden. ^

Vurige aanbidders van Jesns in het H. Sacra- c ment des Alt aars , 5°

Volijverige vereerders der Onbevlekte Moedermaagd ,

Moedige Kampvechters voor Jesns\' Kerk en voorde rechten van haren Opperherder,

Vrome en geduldige Lijders. die de wreedste

martelpijnen hebt geleden ,

HH. Martelaren, die thans in den hemel met den palmtak der overwinning sdjt gekroond, HH. Martelaren, die thans voor het doorgestane leed de onuitsprekelijke vreugde des hemels geniet,

HH. Martelaren van Gorkum, ome voorsprekers,

quot;Wees genadig, spaar ons Heer.

Wees genadig, verhoor ons Heer.

Van alle kwaad, verlos ons Heer.

Van scheuring, dwaling en ongeloot\', verl. ons Heer.

Van onverschilligheid in het geloof, verl. ons Heer.

-ocr page 96-

Van elke lafhartigheid en mensehelijk opzicht

verlos ons, Heer.

Van alle minachting der goddelijke en kerkelijke wetten en geboden,

Van alle naaste gelegenheden tot zonden ,

Van een overhaasten en onvoorzienen dood,

Door de verdiensten en de voorspraak der hei- §

lige Martelaren van Grorknm,

Door hunne vreeselijke foltei-ingen en hun wree- ^ den marteldood , 2

Door hunne moedige belijdenis van Jesus\' leer

en hun onwrikbaar geduld ,

Wij , zondaars, wij bidden U, verhoor ons. Dat wij, door hen in hunne deugden na te volgen. hunne voorspraak mogen waardig worden, wij bidden U, verhoor ons.

Dat wij evenals zij moedig en heldhaftig mogen

strijden voor het ware geloot\', =3

Dat wij met hen alle lafhartige vrees voor de vijanden van onzen heiligen Godsdienst mogen H. overwinnen. ij

Dat wij op hun voorbeeld met geduld onze 2

kwellingen mogen lijden,

Dat wij met een vurig en levendig geloof Jesus ■lt; in het II. .Sacrament des Altaars mogen aan- ~-bidden, o

Dat wij steeds, als ware kinderen van Maria, cgt; haai\' als de Moeder des Heeren en als onze S Moeder mogen eeren en beminnen ,

Dat wij den Paus van Rome altijd als ons Opperhoofd en als Gods plaatsbekleeder mogen erkennen en gehoorzamen

-ocr page 97-

93

Dat wij door goede voorbeelden on door een ckristelijk levensgedrag onze andersdenkende broeders mogen stichten en tot den waren schaapstal terugbrengen, wij bidden U verhoor ons.

Dat Gij L\' gewaardiget onzen TL Vader, den Pans, en al onze geestelijke overheden te ze- ^ genen en te bewaren , ==:

Dat Gij 1\' gewaardiget de vijanden der II. Eerk St te beschamen en te overwinnen, §-•

Dat Gij U gewaardiget de Kerk van Nederland 13 te doen bloeien en toenemen, ^

Dat Gij TT gewaardiget alle afvalligen tot den lt; schoot der alleen zaligmakende Kerk te doen 3; wederkeeren, §

Dat Gij TI gewaardiget ons Vaderland voor alle

rampen en onheilen te behoeden ,

Dat Gij TT gewaardiget ons een zalig sterfnnr

te verleenen ,

Dat Gij TT gewaardiget onze bedevaart te zegenen en onze Broederschap te doen bloeien.

Zoon Gods ,

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,

spaar ons , Heer.

Lam Gods , dat de zonden der wereld wegneemt,

verhoor ons , lieer.

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,

ontferm TT , onzer.

Christus , hoor ons.

Christus, verhoor ons.

Onze Vader. — Ween gegroet.

,Ant. De zielen der ITH. Martelaren, die het voetspoor van Christus gevolgd hebben, smaken de

-ocr page 98-

vreugde des Jieuiels. Zij Jiebben uit liefde tot Hem liun bloed vergoten en hierom zullen zij zich eindeloos met Christus verblijden.

Bidt voor ons, Heilige Martelaren van Gorknm,

Opdat wij de beloften van Christus waardig worden.

LAAT O.NS HIDDEN.

O God , die uwe Heilige Martelaren Leonardus on zijne gezellen, ter belooning van hun roemrijken strijd voor uw geloof, met den onverwelkbaren lauwertak der overwinning hebt bekroond, verleen genadiglijk dat wij , door hen bijgestaan en op hun voorbeeld, mogen strijden op aarde om daardoor te verdienen dat wij eens met hen gekroond worden in den hemel. Door onzen Heer Jesus Christus. Amen.

Gebed op het graf der HH. Martelaren van G-orkum te Brielle.

Loc-us . in quo stas, terra sancta est.

Heilig is de grond, waarop gij staat.

Exod. UT. 5.

O heilige en roemrijke Martelaren, die in de woon der zaligen thans voor den troon van het Lam staat geschaard, ziet op ons, uwe broeders, neder, die

-ocr page 99-

tier, in dit tranendal, nog den strijd te strijden hebben , waaruit gij zoo glansrijk als overwinnaars zijt getreden. Xiet ons allen liier , vol vertrouwen op uwe maclatige voorspraak, nederknielen op deze gewijde plaats. Aanhoort de lofzangen en feestliederen , die wij vol bewondering en eerbied voor uwen heldenmoed , ter uwer eer ten hemel doen opstijgen, doch neigt ook uwe ooren naar de zuchten en gebeden, die uit onze harten tot u opwellen.

\'tls op dezen zelfden , allen Nederlanders zoo dierbaren grond , dat gij uw moeitevollen en lang-durigen worstelstrijd een einde zaagt nemen en dat gij uwe engelreine ziel, na het vreeselijkst en on-duldbaarst lijden , met zulk een heldenmoed doorstaan, in de handen uws Scheppers hebt overgegeven, \'t Is op deze zelfden door uw kostbaar bloed bevochtigde plek, dat de vijanden van Christus , uwe beulen en vervolgers, voor wie gij zelfs gebeden hebt in uw sterven, nog na uw glorievollen dood, hunne woede op uwe lichamen hebben botgevierd en de heiligschendende handen daaraan geslagen hebben ; doch \'t is ook hier , op denzelfden grond , waarop wij thans zijn nedergeknield, dat vrome en godvruchtige christenen met den meesten eerbied uwe heilige overblijfselen hebben ter aarde besteld, waar zij jaren lang het voorwerp der vereering onzer trouw gebleven voorouders geweest zijn. \'t Is deze zelfde plek, waarvan wij zeker met het volste recht mogen zeggen, dat „de grond, die onze voeten betreden, een heilige grond is,quot; dat God reeds vóór eeuwen door de allerschitterendste wonderen u heeft verheerlijkt en getoond, hoezeer uwe vereering en aanroeping Hem welgevallig zijn.

-ocr page 100-

06

Het iillcreerst komen \\vij hier op Tiwe graven God danken voor de onschatbare Tveldaad des geloofs, die ons buiten zoovele anderen is geschonken en die wij nimmer genoeg waardeeren kunnen. Door het H. Doopsel in den schoot der ccne ware Kerk opgenomen zijn wij opgevoed geworden in dezelfde heilige en goddelijke leer, die gij èn door uw woord èn door uw voorbeeld èn niet het iniiist door uw bloed hebt geleerd en bevestigd. Terwijl wij echter hier, op deze plaats, waar uw heilig gebeente zoo lang gerust heeft, deze overgroote gunst des Hemels gedenken, moeten wij helaas! tot onze beschaming, de traagheid en ontrouw erkennen, waarmede wij, geheel anders dan gij , daaraan tot dusverre beantwoord hebben. Hoe gering is onze liefde tot God en den naaste vergeleken bij de uwe \' Hoe weinig zijn wij bereid ons ten wille van God of van onzen even-mensch eenig offer, hoe gering ook , te getroosten, terwijl voor U liet offer van uw leven niet eens te groot was ! Hoe dikwijls heeft het menschelijk opzicht of de vrees voor de spotternij van een of ander tragen christen of zelfs van een ongeloovige ons niet onze duurste plichten jegens God doen verwaar-loozen! Hoe weinig in één woord was ons levensgedrag in overeenstemming met de leer, dooi\' U beleden en verkondigd en door uwen roemrijken marteldood bevestigd.

In ootmoed en berouw op uwe graven nederge-knield komen wij dan ook, o Heilige Bloedgetuigen, door uwe voorbede van God vergiiiénis afsraeeken eu tevens kracht en sterkte vragen , om voortaan ons gedrag meer overeenkomstig ons geloof in te richten

-ocr page 101-

97

en onze oiigetrou-ivlieden en tekortkomingen te kerstellen. Helaas I wij zijn zwakke menselaen , tot het kwaad van nature geneigd, en veelvuldig en liaast onoverkomelijk zijn daarenboven do gevaren , waaraan deze onze zwakheid is blootgesteld. Hoe zullen wij, zonder Gods bijzondere liulp en zonder zijne krachtdadige genade , al die gevaren teboveu-komen? Hoe zullen wij met goed gevolg den iel 1 en strijd doorstaan , die ons nog wacht ? Hoe zullen wij , aan eigen krachten overgelaten , al de hinderpalen overwinnen. al de vijanden terncderslaan. die onze eeuwige zaligheid bedreigen ?

Wij smeeken U daarom, o groote en heilige geloofshelden, dat Gij door de verdiensten van uwen marteldood voor ons al die genaden verkrijget, die ons noodig zijn. Bidt voor ons om licht en sterkte, ten einde de gevaren te zien en te erkennen en die ook met goed gevolg te bestrijden. Ondersteunt onze zwakheid , opdat wij immer bereid mogen gevonden worden om op uw voorbeeld alles, zelfs ons leven, veil te hebben voor Jesus\' eer, voorden luister zijner Herk en voor het zielenheil onzer naasten. Ontsteekt in ons hart die vurige liefde tot. uwen Jesus in het H. Sacrament des Altaars , die zoozeer in u heeft uitgeschenen, opdat ook wij met dezelfde godsvrucht voor Hem nederknielen en Hem in onze harten door de H. Communie mogen ontvangen. Deelt ons die innige en teedere genegenheid mede, die u zoo heldhaftig voor de luisterrijke voorrechten van Jesus\'Moeder, die ook onze Moeder is , tegen hare bestrijders en vijanden deed optreden. Verwerft ons die algeheele en door niets te ver-p. 7

-ocr page 102-

I Let allereerst komen wij hier op uwe graven God danken voor de onschatbare weldaad des geloofs. die ons buiten zoovele anderen is geschonken en die wij nimmer genoeg waardeeren kunnen. Door liet H. Doopsel in den schoot der ééne ware Tverk opgenomen zijn wij opgevoed geworden in dezelfde heilige en goddelijke leer, die gij èn door uw woord èn door uw voorbeeld èn niet het minst door uw bloed hebt geleerd en bevestigd. Terwijl wij echter hier, op deze plaats, waar uw heilig gebeente zoo lang gerust heeft, deze overgroote gunst des flemels gedenken, moeten wij helaas \' tot onze beschaming, de traagheid en ontrouw erkennen, waarmede wij, geheel anders dan gij, daaraan tot dusverre beantwoord hebben. Hoe gering is onze liefde tot God en den naaste vergeleken bij de uwe \' Hoe weinig-zijn wij bereid ons ten wille van God of van onzen even-menseh eenig ofler, hoe gering ook . te getroosten, terwijl voor Ü het offer van uw leven niet eens te groot was\' Hoe dikwijls heeft het nienschelijk opzicht of de vrees voor de spotternij van een of ander tragen christen of zelfs van een ongeloovige ons uiet onze duurste plichten jegens God doen verwaar-loozen! Hoe weinig in één woord was ons levensgedrag in overeenstemming met de leer, door l\' beleden en verkondigd en door uwen roemrijken marteldood bevestigd.

In ootmoed en berouw op uwe graven nederge-knield komen wij dan ook, o Heilige Uloedgetxiigen. door uwe voorbede van God vergiffenis afsmeeken en tevens kracht en sterkte vragen , om voortaan ons gedrag meer overeenkomstig ons geloof in te richten

-ocr page 103-

en onze ongetrouwlieden en tekortkomingen te liersfcellen. Helaas! wij zijn zwakke mensolien , tot het kwaad van nature geneigd, en veelvuldig en liaast onoverkomelijk zijn daarenboven de gevaren ,

waaraan deze onze zwakheid is blootgesteld. Hoe zullen wij, zonder Gods bijzondere hulp en zonder zijne krachtdadige genade , al die gevaren teboven-komen ? Hoe zullen wij met goed gevolg den feilen strijd doorstaan , die ons nog wacht ? Hoe zullen 5 wij , aan eigen krachten overgelaten, al de hinderpalen overwinnen. al de vijanden ternederslaan. die onze eeuwige zaligheid bedreigen ?

Wij smeeken TJ daarom, o groote en heilige geloofshelden, dat Gij door de verdiensten van uwen marteldood voor ons al die genaden verkrijget, die ons noodig zijn. Bidt voor ons om licht en sterkte, ten einde de gevaren te zien en te erkennen en die ook met goed gevolg te bestrijden. Ondersteunt onze zwakheid , opdat wij immer bereid mogen gevonden worden om op uw voorbeeld alles, zelfs ons leven, veil te hebben voor Jesns\' eer, voor den luister zijner Kerk en voor het zielenheil onzer naasten. Ontsteekt in ons hart die vurige liefde tot uwen Jesus in het H. Sacrament des Altaars, die zoozeer in u heeft uitgeschenen, opdat ook wij met dezelfde godsvrucht voor Hem nederknielen en Hem in onze harten door de H. Communie mogen ontvangen. Deelt ons die innige en teedere genegenheid mede, die u zoo heldhaftig voor de luisterrijke voorrechten van Jesus\'Moeder, die ook onze Moeder is , tegen hare bestrijders en vijanden deed optreden. Verwerft ons die algeheele en door niets te ver-

-ocr page 104-

98

minderen toewijding aan den H. Stoel, aan den Pans van Home. den plaatsbeldeeder van J esns op aarde, en aan de Bissokoppen en andere geestelijke overlieden, die niet hem en onder hem door den H. Geest zijn aangesteld om de Kerk te geleiden en te bestieren. Bidt voor ons , opdat wij , die leven op denzelfden grond, waarop gij geleefd , geloofd en geleden hebt, in alles naar uw woord en naar uw voorbeeld mogen handelen, ten einde niet U dezelfde gelukzaligheid, dezelfde hemelsche vreugde eens te mogen deelen.

Bidt voor ons, o Heilige Martelaren, die het geluk hebben de leer te belijden, die 11 den moed gaf alles te doorstaan en te lijden; maar bidt ook voor onze afgedwaalde broeders ; bidt voor de bekeering van diegenen onder ons, die door het ongeloof en de dwaalleer in hunne netten verstrikt zijn en helaas! de levendmakende wateren verlaten hebben, die alléén in staat zijn den dorst naar waarheid te stillen. Bidt voor hen, opdat zij weldra allen niet ons slechts ,, ééne kudde, slechts één schaapstalquot; uitmaken.

Bidt voor onzen allerheiligsten Vader den Paus, opdat God hem het licht van boven schenke, dat hij noodig heeft om naar Zijnen Heiligen wil Zijne kerk te bestieren. Bidt voor hem , opdat hij over zijne vijanden zegeviere en hij weldra de volledige zegepraal der Kerk moge aanschouwen.

Bidt voor de Bisschoppen der gansohe christenheid en inzonderheid voor onzen beminden Kerkvoogd, den Opperherder, vyien God meer in het bijzonder onze belangen heeft toevertrouwd. Bidt voor onze

-ocr page 105-

99

geestelijke herders, voor onze idelbestierders, die eens rekenschap over liet beheer onzer zielen zullen hebben af te leggen. Bidt voor al de geestelijke orden en vereerdgingen, opdat zij ongestoord hunne edele en verdienstvolle taak mogen verrichten en alle belemmeringen mogen worden weggenomen, welke zij maar al te dikwijls in hun moeitevollen en gezegenden werkkring ondervinden.

Bidt ook voor ons geëerbiedigd Vorstenhuis, opdat God zijn mildsten zegen over al de leden daarvan doe nederdalen. Bidt voor ons dierbaar Vaderland, opdat het van alle tijdelijke onheilen en rampen, van besmettelijke ziekten. hongersnood en oorlog bevrijd blijve en wij allen, als broeders, in eendrachc en vrede met elkander mogen leven. Bidt in het bijzonder voor alle leden onzer Broederschap, opdat wij èn naar ziel en naar lichaam tegen alle kwaad mogen beveiligd blijven en \'s hemels gunsten in de ruimste mate ons deel worden. Zegent ons en onze gezinnen, onze bloedverwanten en vrienden en allen, met wie wij in eene nauwere betrekking gesteld zijn en voor wie God wil, dat wij meer in het bijzonder ons gebed zullen opdragen. Bidt eindelijk voor mij, opdat ik die bijzondere gunsten moge verkrijgen, waarvoor ik deze bedevaart heb ondernomen.... (hier denkt men aan de bijzondere intentif, waartoe de bedevaart ü ondernomen) , wanneer deze althans niet mijne zaligheid in den weg staan of mijne ziel tot schade zouden kunnen verstrekken.

Bidt vóór mij en voor allen, o Heilige Martelaren, opdat wij evenals gij den dood dor rechtvaardigen mogen sterven en ook ons deel eens de eeuwige

-ocr page 106-

10) I

gelulczaligheid zij, die gij reeds geniet in den Uemel voor al ii-sv lijden en den smartvollen dood , dien gij op deze heilige plaats voor God met zooveel heldenmoed en heldentrouw hebt geleden. Amen.

H. Moeder Grods, die onze Heilige Martelaren met zooveel vurigheid liefhadden en dienden en die hen zeter in Imn strijd niet hebt verlaten, bid voor ons. zondaars, nu en in het uur van onzen dood. Amen.

Gebed om vau God door de voorspraak der 3TJ ï. Martelaren van Gorlcnm al de genaden te Vjelcomen , die on.s ter iquot;l iiiheid noodig; zij 11 •

Almachtige en eeuwige God , voor wiens eer de HH. Martelaren van Gorkum hun bloed vergoten hebben, door de verdiensten en voorspraak dezer Heilige Bloedgetuigen vraag ik u voor mij en voor al miine medemenschen een levendig en vast geloof aan al hetgeen de H. Katholieke Kerk leert, opdat ik, wanneer dit noodig zijn mocht, evenals zij bereid zij liever te sterven en den smartvolsten marteldood te sterven, dau dit heilig geloof te verzaken. Verlicht mij door uw goddelijk en hemelsch licht, ten einde ik de ij delheid van al het aardsche leere beseffen en alléén, mijne gedachten vestige op IT, die mijnjopperste goed en alle liefde waardig zijt. Geef dat J ik inzie en erkenne hoe afschuwelijk de zonde is/\'ten einde mijne ziel daartegen in het vervolg te

-ocr page 107-

101

vrijwaren en die . vrelke ik bedreven heb, door ware boete uit te wiasclien. Stort in mij een vast vertrouwen. eene onwankelbare hoop, eene allervurigste liefde tot TT en tot mijn evenmensch : eene liefde , die mij alles gering doe achten waar het uwe eer en uwe belangen geldt, die geene offers te groot achte om uwen wil te volbrengen; eene liefde, die mij al mijne niedemenschen doe beminnen om U, en zich nitstrekke ook tot hen, die mijne vijanden zijn of mij de zwaarste beleedigingen hebben aangedaan. Verleen mij den geest van versterving, opdat ik steeds mijne zinnen in bedwang honde, mijne verkeerde lusten beteugele en alle ongemakken des levens zonder morren verdrage. Verleen mij den geest van ootmoedigheid en zachtmoedigheid, opdat ik mij nimmer boven mijnen evenmensch ver-heffe, miskenning en vernedering geduldig verdrage, en in vrede en eendracht met allen leve. Verleen mij den geest van zuiverheid, opdat ik alles vermijde wat de reinheid mijner ziel en mijns lichaams zou kunnen verminderen, opdat ik noch doorgedachten noch door woorden noch door werken ooi t de teedere en beminnelijke deugd van zuiverheid moge kwetsen. Geef mij den geest van onderworpenheid en gehoorzaamheid, opdat ik immer met een bereidwillig hart mijn levensgedrag inrichte naar den wil en de verordening mijner geestelijke en tijdelijke overheid. Geef m ij den geest vnn sterkte, opdat ik irij boven iiile menschelijk opzicht verheffe en nimmer door vrees voor bespotting van den kant van valsche broeders mij tot het kwaad late verleiden ot\' van het vervullen mijner plichten late afhouden. Geef,

«

-ocr page 108-

102

dat ik in één wooixl als een waar christen mij in alles gedrage naar de voorsclmften van liet Heilig Evangelie en naar de geboden mijner moeder de Heilige Kerk, opdat ik met gerustheid eens op mijn sterfbed moge getuigen; Ik heb mijn lerensloop voleind ; ik heb liet geloof\' bewaard; ik heb den goeden strijd gestreden: voor het overige is do kroon der gerechtigheid voor mij weggelegd. die gij , almachtige en eeuwige (rod , mij zult geven.quot;

(:rcbeti om eeii zaligen dood.

O heilige en roemrijke christenhelden, die op het martelveld te Brielle voor Jesus en zijne leer een zoo gelukzaligen dood gestorven zijt, o mocht ik ook als gij zalig sterven en mocht ook mijn uiteinde aan dat der rechtvaardigen gelijk zijn\' Verwerft mij , bid ik n, door de verdiensten van dien smart-vollen marteldood, deze genade van God. Verwerft voor mij, o heilige patronen voor een zaligen dood. dat ik niet uit dit leven scheide , dan geheel en al gezuiverd eu gereinigd van alle zonden, ten minste van allo doodzonden. Verwerft voor inij. dat de dood mij nimmer verrasse op een oogenblik, w aarop ik het ongeluk heb mij buiten Gods vriendschap te bevinden. waarop mijne ziel beroofd is van de heilig-makende genade, zonder welke zij niets anders dan een gruwel kan zijn in Gods oogen. Bidt voor mij, dat ik in mijn stervensuur een volmaakt berouw gevoele over mijne zonden, dat ik het geluk en

-ocr page 109-

1(13

liet onwaardeerbaar voorrecht moge gemeten van met volle kennis do Heilige Sacramenten der stervenden te ontvangen , ten einde aldus zonder vrees voor Gods rechterstoel te Icnnnen verschijnen. Verdrijft van mij alle bekoringen en alle aanvechtingen van den helschen vijand, die ook dan nog mijne ziel in zijne netton zal trachten te verstrikken. Verwerft mij in die laatste beslissende oogenblik-Icen van mijn leven , die eens, en wellicht spoedig , voor mij zullen aanbreken , diezelfde vurige en volkomen liefde tot God. die uw hart verteerde en die 1\' zelfs de nijpendste en grievendstemartelpijnen, den smartelijksten en vreeselijksten doodstrijd met eene heilige vreugde deed ondergaan. Komt mij alsdan met de allerheiligste Maagd on den H. .losepli troosten, opbeuren en versterken, en moge mijne ziel aan uwe hand en die van Maria en Joseph met ii de eeuwige gelukzaligheid binnentreden . om mei u voor alle eeuwigheid mijnen God te aanschonweu

en te bezitten. Amen.

—--

G-ebecl 0111 eene bii\'xon(U\'i\'f• ajunst.

O groote Heiligen, wier voorspraak zoo machtig is bij God, op wier voorbede Hij reeds vóór eeuwen de schitterendste wonderen heeft willen verrichten, vol

vertrouwen kom ik l de gunst vragen ......(hier

denkt men aan hetgeen men vooral van Clod loil verkrijgen), welke ik zoozeer van God verlang. Doet, smeek ik r, uw allermachtigst gebed gelden voor mij bij

-ocr page 110-

104

God , die reeds zoo dikwijls getoond heeft, koezeer ket Hem welgevallig is , dat wij door u zijne kuip afsmeeken e3i inroepen. Weest de nauwe banden indai\'ktig, die n als liet ware nog niet ons vereenigen, met ons, die leven op denzelfden dierbaren vaderlandschen grond, welken gij met uw edel bloed kebt bevocktigd , en die met recht u als kunne vaderen in hel geloof beschouwen en vereeren. Bidt met ons en voor ons, opdat onze zwakke gebeden, versterkt door uwe machtige voorbede, van Gods goedkeid de genade verkrijgen, die wij zoozeer verlangen. Mockt eekter de gevraagde gunst ons niet ter zaligkeid strekken of veeleer die in den weg staan, verleent ons dan eene ware en volmaakte overgeving aan den keiligen wil van God, die beter dan wij weet wat onze ware belangen, de eeuwige belangen namelijk onzer ziel. bevorderlijk is. Amen.

Gebed voor- ele Klerlc.

O heilige strijders voor t\'hnstus\' Kerk op aarde, roemrijke geloofskelden, die uwe trouw aan Jesus\' vlekkelooze Bruid met uw bloed hebt bezegeld, met het meeste vertrouwen wenden wij ons tot IJ, die thans in den hemel de welverdiende belooning vooi\' deze uwe onwrikbare trouw geniet. O moge uwe machtige voorbede de zwakke gebeden ondersteunen , die wij tot God voor het welzijn zijner Kerk opzenden. Van uit de woning der eeuwige gelukzaligheid aanschouwt gij den verwoeden strijd,

-ocr page 111-

105

dien zij te verduren Leeft, de menigvuldige en steeds in hevigheid toenemende aanvallen, die het ongeloof en de ketterij tegen haar richten , de steeds feller slagen . waardoor de hel, in bondgenootschap met de aardsche machten, haren ondergang zoekt te bewerken. Gij ziet hoezeer haar heilzame werking op alle wijze wordt belemmerd en vernietigd ; hoevele ongelukkigen door hare tegenstanders in hunne netten verstrikt worden en zich helaas van haar afkeeren; hoevelen harer trouwe dienaren worden vervolgd en verdrukt: hoe zelfs haar opperhoofd, onze Heilige Vader, in zijne dierbaarste en wettig-ste rechten wordt miskend en bestreden. Vereenigt gij dan ook uw krachtdadig gebed met het onze : bidt gij niet ons , opdat de Almachtige met zijnen sterken arm de vijanden der Kerk verplettere , dat Hij door zijn machtig woord de orkanen doe bedaren en de gewenschte rust en vrede moge herstellen. Hidt voor hare dienaren, en inzonderheid voor onzen allerheiligsten Vader den Paus, opdat God hem beware , verlichte, versterke en ter zijde sta, opdat hij in vrede en vrijheid de hem toevertrouwde kudde steeds op den weg des lieils moge voortleiden eu bestieren. Bidt voor de bisschoppen der gansche Kerk, en in hel bijzonder voor den beminden Kerkvoogd, wien God meer bijzonder het heil onzer zielen heeft toevertrouwd , opdat zij . door het licht van den H. Geest bestraald en door zijne kracht versterkt, hunne verhevene en moeitevolle bediening mogen vervullen. Bidt voor alle priesters en kloosterlingen , opdat zij hunne heilige roeping steeds getrouw blijven en door woord en voorbeeld de ge-

-ocr page 112-

106

loovigeu steeds nader mogen brengen tot God, L.un-nen Heer. Verwerft van God de bekeering van allen, die zich op een dwaalweg bevinden, die van de eenig ware geloofs- en zedeleer zijn afgeweken en voor de levenwekkende wateren van Christus\' Kerk de vergiftigde bronnen der dwaalleer of van het ongeloot hebben verkozen. Verkrijgt voor Jesus\' vlek-kelooze Bruid , die van hare vrijheid beroofd, in de boeien barer vijanden zui-ht en verkwijnt, dat de dageraad der vrijheid spoedig voor haar aanbreke . dat hare tegenstanders zich voor haar en haar gezag nederbuigen, en dat zij van alle belemmeringen en tegenwerking bevrijd, hare grootsohe en goddelijke taak met vrucht moge tenuitvoerbrenge, opdat allen onder „één Herder, slechts één kuddequot; uitmaken. Amen.

Gebed om van Gocl de genade te verkrijgen ■van een siaUgen levensstaat.

(gt; God, door de verdiensten en de voorspraak uwer Heilige Martelaren, die op zoo schitterende wijze de eer van uwen heiligen Naam hebben gehandhaafd, vraag ik u de genade om den staat te kennen, waarin Gij wilt en verlangt, dat ik U in dit leven zal dienen, ten einde hierna TT eens met hen te bezitten in den hemel. Verlicht mijn verstand , opdat ik mij nimmer door valsche en verkeerde ingevingen late misleiden: versterk mijnen wil. opdat ik alléén datgene nastreve wat met uwen

-ocr page 113-

107

heiligen en aanbidclelijkeii wil overeenkomstig ea daaraan welgevallig is. Bestraal niet uw hemelsch en goddelijk liclit diegenen. die ik in deze zoo gewichtige zaak verplicht ben te raadplegen en zonder wier voorlichting ik mij in het grootst gevaar zal bevinden een levensstaat te omhelzen, die mij tot mijn tijdelijk en eeuwig ongelnk zal voeren. Zend. evenals gij den jongen Tobias den II. Raphael tot metgezel gaaft, ook uwen Jengel tot mij af, opdat ik . door diens ingevingen geleid, den rechten weg moge bewandelen, die mij met zekerheid tot het eeuwige vaderland zal voeren , waar do Heilige Martelaren het loon hunner onwankelbare trouw genieten, en dat alléén hei deel is van hen, die op hun voorbeeld in alles uwen heiligen wil zullen hebben volbracht. Amen.

(lebeïl voor tie quot;bolceei\'inii\' van ^Nedoi\'lant-l.

O roemrijke verdedigers der katholieke geloofe-•h aarheden en heldhaftige verkondigers der ware leer van Jesus, die hier, op dezen zelfden grond, waarop God ons geplaatst heeft, als trouwe en ijverige dienaren in den wijngaard des Heeren voor hel heil der zielen hebt gearbeid, moge het bloed, waarmede gij dezen u en ons zoo dierbaren vader-landschen bodem hebt gedrenkt, niet om wraak roepen. gelijk weleer het bloed van Abel . maar vergeving en barmhartigheid voor allen verwerven. Bidt voor de bekeering van Nederland : verdubbelt

-ocr page 114-

108

uwe smeekiugen, opdat wij allen, die liier broederlijk vereend één volk uitmaken, ook door dezelfde godsdienstige banden mogen vereenigd worden. Smeekt over onze ongelukkige en dwalende broeders een enkelen straal af van dat hemelsoh en goddelijk Hckt, dat alle nevelen en duisternissen doe verdwijnen , waarmede satan voor lien de waarheid verdonkert en bedekt. Verkrijgt voor allen, die op welke wijze ook zieh. liebben afgescheiden van de eeuwige en onwrikbare steenrots, waarop Christus zijne Kerk gesticht heeft, dat zij in den schoot dier Kerk mogen terugkeeren, die in vroeger eeuwen hier zoo luisterrijk bloeide , en dat zij , door één zelfde geloof, hoop en liefde vereend en verbonden, door dezelfde genademiddelen gesterkt en bevestigd, eindelijk met ons en met alle trouwe aanhangers der eenig zaligmakende leer , onder „ één Herder , slechts ééne kuddequot; uitmaken, gelijk er slechts „één Heer, één Geloof, één Doopselquot; is. Amen.

(! igt;(■(! voox\' de levende exi overledene leden der Broederschap.

Heilige Martelaren van Gorkum, die wij als zonen of althans bewoners van Nederlands grond als onze bijzondere beschermers mogen beschouwen . wij komen uwe machtige voorbede inroepen voor al de leden onzer Broederschap. Verwerft ons door uw veelvermogende voorspraak de genade, dat wij steeds getrouw blijven aan het geloof, waarin wij

-ocr page 115-

109

het geluk hebben gehad te zijn geboren en opgevoed, en dat geen ander is dan hetwelk gij èn door uw woord hebt geleerd èn door uw voorbeeld hebt bekrachtigd, ja door uw bloed hebt bezegeld. O hoe gelukkig zouden wij niet zijn, indien onze ijver, onze trouw, onze moed slechts eenigszins ten minste aan de uwe gelijk waren. Doch helaas 1 hoeveel

hebben wij ons daaromtrent niet te verwijten.....

O moge dan ook uwe hulp onze zwakheid ondersteunen , opdat wij onze lauwheid en traagheid in het belijden en naleven van ons heilig geloof mogen herstellen; opdat wij voortaan met heldenmoed evenals gij alle menschel ijk opzicht overwinnen, voor geen ofler. hoe groot het ook zij, terugdeinzen, en zelfs ons leven veil hebben voor de eer van God. O mogen ook in ons die deugden uitblinken, waarvan gij , onze vaderen in het geloof, ons zoo schitterende voorbeelden hebt gegeven: de liefde namelijk en de vereering van .fesus in het allerheiligste Sacrament des altaars , de gehechtheid en kinderlijke toewijding aan de Kerk en haar zichtbaar opperhoofd, den Paus van Rome, de vurige en innige godsvrucht tot Jesus\' moeder, de allerzaligste en onbevlekte Maagd Maria, de blakende zielenijver, die uwe harten verteerde, de geest des gebeds , de zachtmoedigheid en lijdzaamheid in uwe kwellingen, de volkomen en algeheele onderworpenheid aan den heiligen en aanbiddelijken wil des Heeren. Verkrijgt voor alle ouders, dat zij door woord en voorbeeld hunne kinderen voorgaan en hen opvoeden in de vreeze des Heeren; verkrijgt voor alle gehuwden , dal zij in vrede en eendracht leven

-ocr page 116-

110

en in deu Imwelijken staat liunne lieiligheid bewerken; verkrijgt voor lieu, die nog in dien jeugdigen leeftijd verkeeren, die aan zoovele gevaren is blootgesteld, dat zij zich niet door hunne hartstochten laten verleiden of door slechte voorbeelden laten medesleepen; verkrijgt voor allen . in één woord , dat zij op uw voorbeeld zich heiligen in den staat en in de Om-standiglieden. waarin God hen geplaatst heeft.

Smeekt Gods zegen af over ons en onze gezinnen ; weert van ons af alle tijdelijke rampen en onheilen, ziekten , tegenspoed en andere kwellingen en wederwaardigheden , en , zoo het Gods wil is, dat w ij niet al die beproevingen kunnen vermijden, verkrijgt ons dan het noodige geduld, om die tot heil onzer zielen te verdragen. Zegent onze broederschap, opdat zij zich meer en meer uitbreide en bloeie en steeds heilzamer vruchten moge opleveren.

Bidt ook voor onze overledene broeders, die vroeger met ons deel uitmaakten van do vereeniging , die onder uwe bijzondere hoede en bescherming gesteld is, en thans wellicht m den kerker des Vagevnurs verzuchten. Ziet hoe zij hunne smee-kende handen tot u en ons verheflen, ten einde wij voor hen hunne schulden vereffenen en hun de deur des hemels ontsluiten. Biedt gij aan den hemelschen Vader de overvloedige verdiensten van uw lijden en marteldood aan, opdat God zich late bewegen om den tijd van hunne kwellingen te verkorten en hen uit hun smartvol lijden te verlossen. Bidt met ons voor hen, opdat zij spoedig met u mogen deel en in de eeuwige gelukzaligheid en met u voor ons als voorsprekers en middelaars

-ocr page 117-

Ill

mogen optreden bij God, ten einde ook wij allen eens met u en met hen in eenwigheid zijnen lof mogen zingen. Amen.

C-rebecl oiii zicli zolveii lt;11. zijn gezin te-stellen onder d.e besdierming; der H I l. MCartelaars.

O ïfederlandsche Heiligen, die op den ons zoo dierbaren grond uvre martelpalmen hebt geplnlct, ik stel mij zelven en. mijn gezin onder uwe machtige bescherming. Aan uwe hoede en aan uwe zorg beveel ik mijn lichaam en mijne ziel, al mijne vermogens , al mijne ondernemingen, al wat ik heb of ben, al de dagen mijns levens, tol op het oogenblik dat ik van deze wereld zal scheiden. Bewaart mij en al de leden van mijn gezin voor alle onheilen en rampen; weert G ods strafienden arm, die om onze zonden wellicht reeds bereid is ons te kastijden, door uwe gebeden en verdiensten van ons af, doch vooral bewaart ons voor het grootste onheil, dat ons kan overkomen, voor het ongeluk namelijk van God door eene doodzonde te beleedigen en aldus de heiligmakende genade, die het leven onzer ziel is, te verliezen. Weest onze beschermers in alle gevaren, die ons dreigen; weest onze helpers in alle moeielijke omstandigheden , waarin wij ver-keeren; strijdt met ons in den haolielijken strijd . waarin wij zonder Gods machtige hulp onmogelijk kunnen overwinnen ; maar vooral moge uwe machtige

-ocr page 118-

112

besclierming zicli over ons uitstrekken in dien laat-sten en allergewiclitigsten strijd, dien wij met den lielsclien vijand kebben te voeren, in die beslissende ure. waarvan onze eeuwige zaligheid afhangt, opdat wij met de namen van .Tesus, Maria , Joseph en uwe heilige namen op de lippen onzen geest mogen geven en met u het hemelseh vaderland mogen binnentreden. Amen.

Gi-ebecl tot een der Heiiig:e M a ri lt;■!: ta!\', ■wiens naana men draagt.

O groote en roemrijke Heilige JN\'.. wiens naam ik ontvangen heb, toen ik door de wateren des Doopsels van de erfzonde gereinigd en in den schoot der Katholieke Kerk werd opgenomen, ik stel mij van af heden tot aan liet uur van mijn verscheiden onder uwe bijzondere hoede en bescherming. Geef dat ik uwe deugden moge navolgen : dat ik evenals gij moge leven als een trouwe zoon der Kerk , in welke ik het geluk heb gehad geboren en opgevoed te worden ; dat ik de eer van God en mijne zaligheid moge verkiezen boven alle aardsche schatten en rijkdommen, en dat ik, evenals gij, bereid moge zijn liever mijn laatsten druppel bloed te vergieten dan ontrouw te worden aan de beloften , die in mijnen naam bij het ontvangen van het H. Doopsel zijn afgelegd. Wees mijn voorspreker en mijn helper in allen nood en alle gevaren , in alle

-ocr page 119-

kwellingen en moeielijkhedeu, die mij wachten. I!eik mij mve belmlpzame hand toe, wanneer ik soms door de hevigheid der bekoring op liei punt sta van te vallen en onder de slagen van den helsclien vijand te bezwijken. liicht mij op. wanneer ik wellicht zoo ongelukkig moclit zijn van in den strijd te bezwijken en Gods genade door de doodzonde te verliezen. Leid mij aan uwe band op de duistere paden, die wellicht mijn levensweg zullen doorkruisen; verlicht mijn verstand, opdat ik steeds Gods heiligen wil over niij moge inzien en erkennen; versterk mijne zwakheid, opdat ik alle hinderpalen glansrijk moge tebovenkomen , die mijne deugd znilen in den weg staan; en vooral sta mij terzijde in het uur van mijnen dood , opdat ik evenals gij in staat van genade uit deze wereld moge scheiden en mer u voor alle eeuwigheid met den onverwelk. baren lauwertak der overwinning moge gekroond worden. Amen.

-ocr page 120-

112

hesdaeruiing zicli over ons uitstrekken in dien laat-sten en allergewiolitigsten strijd, dien wij met den helsolien vijand hebben te voeren, in die beslissende ure, waarvan onze eenwige zaligheid afhangt, opdat wij met de namen van .Tesus, Maria , Joseph en uwe heilige namen op de lippen onzen geest mogen geven cn met u liet hemelsch vaderland mogen binnentreden. Amen.

Gebed tot een der Heilige Martelaars . quot;wiens naam men draagt.

O groote en roemrijke Heilige JSr., wiens naam üc ontvangen heb, toen ik door de wateren des Doopsels van de erfzonde gereinigd en in den schoot der Xatholieke Kerk werd opgenomen, ik stel mij van af heden tot aan het uur van mijn verscheiden onder uwe bijzondere hoede en bescherming. Geef dat ik uwe deugden moge navolgen : dat ik evenals gij moge leven als een trouwe zoon der Kerk , in welke ik het geluk heb gehad geboren en opgevoed te worden ; dat ik de eer van God en mijne zaligheid moge verkiezen boven alle aardsche schatten en rijkdommen, en dat ik, evenals gij, bereid moge zijn liever mijn laatsten druppel bloed te vergieten dan ontrouw te worden aan de beloften . die in mijnen naam bij het ontvangen van het H. Doopsel zijn afgelegd. Wees mijn voorspreker en mijn helper in allen nood en alle gevaren , in alle

-ocr page 121-

113

kwellingen en moeielijkheden, die mij wachten. .Reik mij nwe belnilpzame hand toe, wanneer ik soms door de hevigheid der bekoring op hei punt sta van te vallen en onder de slagen van den helschen vijand te bezwijken. Eicht mij op. wanneer ik wellicht zoo ongelukkig mocht zijn van in den strijd te bezwijken en Gods genade door de doodzonde te verliezen, l^eid mij aan nwe hand op de duistere paden, die wellicht mijn levensweg zullen doorkruisen : verlicht mijn verstand , opdat ik steeds Gods heiligen wil over mij moge inzien en erkennen; versterk mijne zwakheid, opdat ik alle hinderpalen glansrijk moge tebovenkomen . die mijne deugd zullen in den weg staan: en vooral sta mij terzijde in het uur van mijnen dood, opdat ik evenals gij in staat van genade uit deze wereld moge scheiden en met u voor alle eeuwigheid met den onverwelk. baren lauwertak der overwinning moge gekroond worden. Amen.

-ocr page 122-

114

GrEBEDEN

TOT DE

H. MAAGD EN ANDERE GEBEDEN.

Litciiiie; dei* ttlloi\'li.oiligste UXaagd en ZVToeclei Gods Mii\'i.\'i of d.e J-al-\'irlie van. X-orette.

Heer, ontferm U onzer.

t\'Iiristus , ontferm IT onzer.

Heer, ontferm TI onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God hemelsche Vader, ontferm U onzer.

God Zoon , Verlosser der wereld, ontferm IJ onzer.

God, H. Geest, ontferm IJ onzer.

H. Drievuldigheid, één God, ontferm U onzer.

H. Maria, bid voor ons.

H. Moeder Gods,

H. Maagd der Maagden,

Moeder van Christus,

Moeder der goddelijke genade , _

Allerreinste Moeder, HL\'

Allerzuiverste Moeder, lt;

Ongeschonden Moeder, 2

Onbevlekte Moeder, o

Minnelijke Moeder, ?

quot;Wonderbare Moeder,

Moeder des Scheppers,

Moeder des Zaligmakers,

-ocr page 123-

Allervoorziclitigste Maagd . bid voor ons.

Eerwaardige Maagd ,

Lofwaardige Maagd,

Maclitige Maagd ,

Goedertieren Maagd ,

Getrouwe Maagd,

•Spiegel der reclitvaardiglieid,

Zetel der wijslieid,

Oorzaak onzer blijdsolaap ,

Geestelijk vat,

Eerwaardig vat,

Uitstekend vat van godsvrucht

Geheinizinnige roos ,

Toren van David .

\'J voren toren ,

(iulden huis,

Ark des verbonds,

Deur des hemels,

Morgenster,

Behoud der zieken ,

Toevlucht der zondaren,

Troosteresse der bedrukte)] .

Bijstand der christenen,

Koningin der Engelen ,

Koningin der Aartsvaders ,

Koningin der Profeten.

Koningin der Apostelen ,

Koningin der Martelaren ,

Koningin der Belijders ,

Koningin der Maagden,

Koningin van alle Heiligen .

Koningin zonder smet ontvangen,

Koningin van den allerheiligsten Kozenkran

-ocr page 124-

111!

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,

spaar ons , Heer.

Lam Gods. dat de zonden der wereld wegneemt,

verkoor ons, Heer.

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,

ontferm li onzer.

Cliristus. hoor ons.

Christus . verkoor ons.

Onze rader, enz.

En leid ons niet ii\\ bekoring.

Maar verlos ons van den kwade. Amen.

Onder uwe besclierming nemen wij onze toevlucht, o H. Moeder Oods, verstoot onze gebeden niet in onzen nood, maar verlos ons altijd van alle gevaren, o glorierijke en gezegende Maagd . onze meesteres , onze middelares , onze voorspreekster , verzoen ons met uwen /0011, beveel ons aan uwen Zoon. vertoon ons aan uwen Zoon.

Bid voor ons. H. Moeder Gods,

Opdat wij de beloften van Christus mogen waardig •worden.

LAAT ONS lilDDK.V.

Wij bidden U, o Heer, stort uwe genade in onze harten, ten einde wij , die door de boodschap des Engels de menschwording van Christus uwen Zoon gekend hebben, door zijn lijden en kruis tot de glorie der verrijzenis mogen gebracht worden. Amen.

-ocr page 125-

117

Antiphonen of kerkelijke geleden ter eere Kan de 11. Maaijl.

11. Maria, kom de ongeluldcigen te hulp, verleen tien kleinmoodigen uwen bijstand . troost de be-droefden . bid voor het volk, spreek ten beste voor de geestelijkheid, doe uwe voorbede golden voor het godgewijde vrouwelijk geslacht; laat allen, die uwe heilige gedachtenis vieren, uwe behulpxa.me hand ondervinden.

Bid voor ons, IT. Moeder Gods,

Opdat wij de beloften van Christus mogen waardig worden.

I..VAT ONS 111 I)J)i:N.

Schenk ons, bidden wij u, o Heer God, eene voortdurende gezondheid naar ziel en lichaam : en geef, dat wij door de voorspraak der zalige Maria altijd Maagd in dit leven van alle droefheid mogen bevrijd blijven en hiernamaals eens de eeuwige vreugde genieten. Door Jesus Christus onzen Heer. Amen.

Of:

ZSa uwe baring, o Maagd, zijt gij ongeschonden gebleven.

H. Moeder Gods, wees onze voorsprekeresse.

LAAT OXS BIDDEX.

O God , die door de vruchtbare maagdelijkheid der zalige Maria aan het menschdom het loon der eeuwige gelukzaligheid hebt geschonken ; verleen ,

-ocr page 126-

lis

smeeken wij u. dat wij Haar bij u als voorspreekster mogen ondervinden. dooi\' wie wij den oorsprong des levens mochten ontvangen . Onzen Keer .Tesns Christus, uwen Zoon. Amen.

Gods hulpe blijve immer met ons. Amen.

Het Salve Kef/hui,

Herhaaldelij/c door de HE. Martelaren gezongen. Zie bl. 23

Wees gegroet, o Koningin. Moeder van Barmhartigheid. Ons leven, onze zoetheid en onze hoop, wees gegioet. lot u roepen wij, verbannen kinderen van Eva. Tot 11 smeeken wij. zuchtend en weenend in dit tranendal. Sla dan ook, onze voorspreekster, deze uwe barmhartige oogen op ons, en toon ons \' nlt;L deze ballingschap, .Jesus, de gezegende vrucht uws lichaams. O goedertierene, o goede. o zoete Maagd Maria.

Bid voor ons , Heilige Moeder Gods .

Opdat wij de beloften van Christus mogen waardig worden.

LAAT ONS HIDDEN.

Almachtige eeuwige God . die het lichaam en de ziel der roemrijke Maagd en Moeder Maria onder de medewerking van den H. Geest tot eene waardige \\ et blijf\'plaats voor uwen Zoon hebt bereid: geef. dat wij door de genadige tusschenkomst van Haar, wier gedachtenis wij blijde vieren, van alle onheil hier beneden en van den eeuwigen dood mogen bevrijd blijven. Door denzelfden Christus onzen Heer. Amen.

Gods hulpe blijve immer niet ons. Amen.

-ocr page 127-

119

Gebed tot de Moeder van Smarten ,

door den H. Godefridus geknield under de yahj op de Markt te Drielle gezongen.

Laat, bidden wij u. Heer (lod, nu en in de ure van onzen dood de allerglorierijkste Maagd Maria, uive Moeder, voor ons liij uwe goedertierenheid ten beste spreken : zij, wier allerheiligste ziel gedurende uw gezegend lijden en bij uwen bitteren dood niet het zwaard van droefheid werd doorboord. Die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. .Vmen.

--lt;• V -■-

Te Jgt;euiïi.

i )i\'/c kerkelijke lofzang, die door de Kerk steeds gebezigd wordt om God voor eeue ot\' andere bijzondere gunst te danken, werd door de Hl!. Martelaren te Gorkuiu en te Kriclle gezongen.

1\'. God , loven wij , II , Heer, belijden wij.

U . eeitwige Vader. eert de gansche aarde.

i\' roepen alle Engelen , Ti roepen de hemelen cu alle machten ,

1 roepen de Cherubijnen en Sera li jnon onophoudelijk toe :

Heilig , heilig . heilig is de Heer der heerscharen.

De hemelen en de aarde zijn vol van de majesteit uwer heerlijkheid.

TJ looft het roemrijke koor der Apostelen ;

XJ looft het lofwaardig tal der Profeten ;

U looft het in schitterend witte kleederen gedost» keirleger der Martelaren;

-ocr page 128-

120

1 belijdt over geheel den aardbol de heilige Kerk :

l\' , den Vader, wiens majesteit onmetelijk is,

Uwen waren en eenigen aanbiddenswaardigen Zoon ,

Ook den Heiligen Geest, den Trooster.

Gij , Christus, Gij zijt de Koning der glorie.

(gt;ij zijt des Vaders eeuwige Zoon.

Gij hebt de menschelijke natuur willen aannemen, ^en einde ons te verlossen, en daartoe niet geschroomd nit den schoot eener Maagd geboren te worden.

Gij hebt den prikkel des doods verwonnen en aldus hun, die gelooven liet rijk der hemelen ontsloten.

C*ij zijt gezeten aan des Vaders rechterhand , in des Vaders heerlijkheid.

Door het geloof onderricht belijden wij , dat gij eens als Hechter zult komen om te oordeelen.

Wij smeeken U daarom, kom uwe dienaren te hulp, die Gij door uw kostbaar bloed hebt vrijgekocht.

Geef dat wij eens in do eeuwige heerlijkheid onder het getal uwer heiligen mogen gerekend worden.

.M aak uw volk zalig, o Pleer, en zejjen uw erfdeel.

En heersch over hen en verhef hen tot in eeuwigheid.

Al de dagen onzes levens zegenen wij 17 ,

Eu wij lofprijzen uwen naam in eeuwigheid en in de eeuwen der eeuwen.

Gewaardig L , o Heer, ons dezen dag voor elke zonde te bewaren.

Ontferm l onzer. Heer, ontferm U onzer.

Hoge X-we harm hartigheid zich over ons uitstrekken , zooals wij op 1 gehoopt hebben.

-ocr page 129-

121

Op IJ, Heer, hob ik. mijne hoop gesteld: en in eeuwigheid zal ilc niet beschaamd worden.

v. Gezegend zijl gij die de Heer en de God onzer vaderen,

fi. En die allen lof waardig en vol heerlijkheid zijt iu eeuwigheid.

V\'. Zegenen wij den Vader en den Zoon met den Heiligen Geesl ;

ft. Lofprijzen en verheerlijken wij Hem in eeuwigheid.

V. (rczegend zijt Gij. Heer, onze God, in het uitspansel des hemels ,

K\'. En die allen lof waardig en vol heerlijkheid en hoog verheven zijt in eeuwigheid.

i\'. Zegen , mijne ziel , den Heer ,

ft. En vergeet nimmer zijne menigvuldige weldaden.

y. Heer verhoor mijn gebed.

ft. En dat mijn geroep tot U kome.

r.A.VT ONS HIDDEN.

O God, vriens barmhartigheid ons weldaden zonder tal heeft geschonken en wiens goedheid einde-looze schatten bezit, wij zeggen uwe allergoedertie-renste majesteit dank voor de gaven ons verstrekt,, terwijl wij steeds t we barmhartigheid blijven smee-ken , ons wie (Tij op ons gebed het gevraagde verleent, niet te verlaten en tot de eeuwige belooning geschikt te maken.

O God. die de harten der geloovigen door den 11. Geest hebi verlicht on onderwezen, geef dat ook wij door donzelfdeu II. Geest de ware wijsheid ontvangen en ons altijd in zijne vertroosting mogen verheugen.

-ocr page 130-

l-gt;2

(gt; God , die niemand die in U gelooft boven zijne krachten laat beproefd worden . maar goeder-tierenlijk luistert naar zijne smeekingen: vij danken TT voor de verhooring onzer gebeden en verlangens, en vragen IJ tevens met alle godsvrnclit om steeds van allen tegenspoed bevrijd te blijven. Door onzen Heer Jesns Cliristus, nwen Zoon , die met U leeft en heersclit in de eenheid des 11. Geestes, God, -door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

IJe Profundis. I\'s. 12it.

Deze psalm, die door de Kerk wordt voorgeschreveu als ceu gebed voor de overledenen, werd door de HH. Martelaars op de markt te Brielle gezongen, toen zij rondom de pomp aldaar geleid werden, die nog daarvan den naam van de profnndis-pomp draagt.

I it de diepten mijner ellenden roep ik tot I\', o Heer: Heer, geef gehoor aan mijne stem.

Laat uwe ooren luisteren naar mijn smeeken.

Indien Gij de ongerechtigheden gadeslaat, o Ifoer. wie . o Heer, zal bestaan ?

Maar bij U is vergeving te verhopen, en ter oorza-ke uwer wet heb ik op lquot; vertrouwd.

Mijne ziel heefi vertrouwd op liet woord des Heeren ; mijne ziel heeft op Hem hare hoop gesteld.

Dat Israël zijne hoop vestige op den lieer van af den dageraad tot in den nacht.

Want bij den Heer is barmhartigheid en overvloedige verlossing te verhopen.

En Hij, Hij zal Israel uit al zijne ongerechtigheden verlossen.

Heer, geef hun de eeuwige iust en het eeuwig licht verlichte hen.

-ocr page 131-

123

LITANIE VAN ALLE HEILIGEN.

Door de HU. Martelaren gezongen , toen. zij processies-gewijze de galg op de markt te llrielle moesten omtrekken.

Heer, ontferm l\' onzer.

Cliristns , ontferm l\' onzer.

Heer, ontferm 1\' onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God . hemelsche Vader , ontferm U onzer.

(Tod, Xoon. Verlosser der wereld, ontferm l onzer.

(rod, H. Geest, ontferm IJ onzer.

Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm lquot; onzer.

H. Maria, bid voor ons.

H. Moeder (iods,

H. Maagd der Maagden .

H. Miuhaöl,

FT. Gabriel.

fï. Raphael.

Alle 1IH. Engelen en Aartsengelen, -T

Alle heilige koren der zalige Geesten, \'S\'

H. Joannes de Hooper, -

H. Joseph, o

Alle heilige Aartsva ders en Profeten . 0

H. Petrus, S

H. Panlns.

H. Andreas,

H. Jacobus.

H. Joannes,

H. Thomas .

-ocr page 132-

121

II. Jacobus, bid voor ons.

H. Phi lippus ,

fl. Bartliolomoiis .

11. Mattheiis ,

H. Simon,

II. Thacldens ,

11. Matthias ,

H. Barnabas,

H. Lucas ,

H. Marcus ,

Alle heilige Apostelen en Evangelisten, Alle heilige Leerlingen des Heeren .

Alle heilige Onnoozele Kinderen . II. Stephanus ,

H. Laurentius,

II. Vincentius,

HII. Fattianus en Sebastianus , IIH. Joannes en Paulus ,

HH. Cosmas en Damianus, UIL (iervasins en Protasius,

.Alle heilige Martelaren,

H. Silvester,

H. Gregorius,

H. Ambrosius,

II. Angustinus ,

H. llieronymus ,

ÏI. Martinus ,

H. A\'icolaus ,

Alle heilige Bisschoppen en Belijders, Alle heilige Kerkleeraren ,

H. Antonius ,

H. Benedictus,

-ocr page 133-

H. Bcrnardus , bid voor ous.

U. Dominicus .

H. Franciscus,

Vile lieilige Priesters eu Levieten .

.Vile lieilige lel oosterlingen en kluizenaars . IF. Maria Magdalena .

II. Agatha ,

. II. Lucia,

H. Agnes.

: 11. Cecilia ,

11. Catharina .

i H. Anastasia ,

.Vile heilige Maagden en Weduwen.

Alle Heiligen Gods, weest onze voorsprekers. Wees genadig, spaar ons, Heer.

Wees genadig, verhoor ons, Heer.

p Van alle kwaad, verlos ons , Heer.

\'i Van alle zonde ,

Van uwe gramschap.

Van een haastigen en onvoorzienen dood. j Vim de lagen des duivels,

Van gramschap, haat en allen kwaden wil . Van den geest van onzuiverheid , Van onweder en storm ,

Van den geesel der aardbeving .

Van pest . hongersnood en oorlog .

Van den eeuwigen dood ,

Door het geheim uwer heilige Menschwording Door uwe komst,

Door uwe geboorte ,

Door uw doopsel en heilig vasten,

}; Door uw kruis en lijden ,

-ocr page 134-

126

Dooi- uw dood en begrafenis, verlos ous , Heer. Doov uwe lieilige verrijzenis ,

Door uwe wonderbare hemelvaart,

Door de komst van den II. (ieest, den Trooster, Op den dag des oordeels Wij, zondaars, wij bidden 1\' , verhoor ons. Dat gij ons moget sparen ,

Dat gij ons onze schuld gelievet te vergeven , Dat gij ons tot ware bootdoening gelievet te brengen,

Dat gij uwe beilige Kerk gelievet te bestieren

en te bewaren,

Dat gij den Paus en alle kerkelijke waardig-heidsbekleeders in den heiligen godsdienst gelievet te bewaren ,

Dat gij de vijanden der Heilige Kerk gelievet

te vernederen ,

Dat gij den christen koningen en vorsten vrede

en ware eendracht gelievet te geven,

Dat gij aan het gansche christenvolk vrede en

eenheid gelievet te schenken .

Dat gij ons in Uw heiligen dienst gelievet te

versterken en te bewaren ,

Dat gij\'onze harten tot de begeerten naar de he-

melsche goederen gelievet op te wekken , Dat gij aan al onze weldoeners de eeuwige goederen gelievet te schenken ,

Dat gij onze zielen en die onzer broeders, nabestaanden en weldoeners voor de eeuwige verdoemenis gelievet te vrijwaren .

Dat gij de vruchten der aarde gelievet te schenken en te bewaren ,

-ocr page 135-

127

Dat gij aan alle overledene geloovigen de eeuwige rust gelievet te geven, wij bidden U, verlioor ons. .Dat gij ons gelievet te verliooren, wij bidden 1\', verhoor ons.

Zoon Gods , wij bidden IJ , verhoor ons.

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,

spaar ons , Heer.

Lam Kods . dat de zonden der wereld wegneemt,

verboor ons , Heer.

Lam Gods. dat de zonden der wereld wegneemt,

ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, ontferm TT onzer.

Heer, ontferm IJ onzer.

Oii:e Vader, enz.

y. En leid ons niet in bekoring.

R\'. Maar verlos ons van den kwade.

Psalm IXIX.

O God, zie toe tot mijne hulp; Heer, haast IJ mij te helpen.

Laat allen beschaamd en bevreesd worden, die mij naar het leven trachten.

Laat allen, die mij kwaad willen, terugwijken en te schande worden.

Laat allen terstond met schaamte teruggedreven worden , die zich in mijne kwellingen verheugen.

Laat allen juichen en zich over U verblijden, die ü zoeken , en dat allen , die uw heil liefhebben , steeds zeggen: Hoog geprezen zij de Heer.

-ocr page 136-

128

Ik echter beu behoeftig en arm : o God, kom mij te hul]).

Gij zijf miju helper en mijn bevrijder: o lieer, vracht niet langer.

Eere zij den Vader en den Zoon en den 11. Cieest, Gelijk het was in den beginne en nu en altijd en in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

f. Maak uwe dienaren zalig, /ij. Mijn God, die op 1\' hopen.

f. Wees ons, o Heer, een sterke toren , i^. Tegen onzen vijand.

f. Laat ouzo vijand niets tegen ons vermogen, R. En laat de zoon der ongerechtigheid ons geen letsel toebrengen.

f. Heer, handel met ons niet naar onze zonden, a. En vergeld ons niet naar onze ongerechtigheden.

y. Laat ons bidden voor onzen Paus (Leo), li. Moge de Heer hem behoeden en in het leven bewaren, en hem gelukkig doen zijn op aarde, en hem jiiet in de handen zijner tegenstanders overleveren.

f. Laat ons bidden voor onze weldoeners, rj. Ge-waardig 1\', o Heer, allen die ons weldoen ten wille van uwen naam met het eeuwige leven te vergelden.

f. Laat ons bidden voor de overledene geloo-vigen. i^. Heer, geef hun de eeuwige rust en het eeuwig licht verlichte hen.

V. Dat zij rusten in vrede. ty. Amen.

y. Laat ons bidden voor onze afwezige broeders : ly. Maak, mijn God, uwe dienaren zalig, die op IJ hopeu.

Zend hun, o Heer, hulp uit uwe heilige woon. ,iy. En bescherm hen van uit Sion.

-ocr page 137-

121»

Heer, verhoor mijn gebed. r). En mijn geroep kome tot IT.

LAAT ONS UI IJ KEN.

O God, wien liet eigen is altijd genadig te zijn en te sparen, neem ons smeeken goedgunstig aan . opdat ttw goedertierenlieid en. barmhartigheid ons en alle nwe dienaren, die in de ketenen der zonden zijn gekluisterd , genadiglijk ontbinde.

Verboor, bidden wij IT, o Heer, ons ootmoedig smeeken en laai onze soknldbekentenis ( bewegen om ons te sparen, en verleen ons tegelijk met onze kwijtschelding in uwe goedertierenheid ook den vrede.

Toon ons, o Heer, genadiglijk uwe onuitsprekelijke barmhartigheid, en spreek ons vrij van al onze zonden en bewaar ons tevens voor de straffen, die wij daardoor verdienen.

o God, die door de zonde beleedigd wordt, maar door boete TJ laat verzoenen, zie in uwe goedertierenheid neder op het ootmoedig smeeken van uw volk, en weer de straffen van uwen toorn , die wij door onze zonden verdiend hebben . van ons af.

Almachtige, eeuwige God, ontferm TT over uwen dienaar, onzen Opperherder (Leo), en geleid hem in uwe goedertierenheid op den weg der eeuwige zaligheid, opdat hij door uwe genade begeere wat U welgevallig is en dit met alle kracht tennitvoer-brenge.

o God, van wien alle heilige begeerten, alle goede voornemens en alle werken van heiligheid voortkomen . verleen aan uwe dienaren dien vrede, dien de wereld niet geven kan , opdat niet alleen

p. \' 9

-ocr page 138-

130

onze karten uwe geboden mogen zijn toegedaan, maar wij ook niets meer van onze vijanden te vreezen hebben en onze levensdagen in rnst mogen doorbrengen.

Ontgloei, o Heer , door bet vuur des Heiligen Geestes onze nieren en ons liart, opdat wij TI met een. kuisch lichaam mogen dienen en door een zuiver hart mogen behaaglijk zijn.

lt;) God, schepper en verlosser aller geloovigen, verleen aan de zielen uwer dienaren en dienaressen de kwijtschelding van al kunne zonden , opdai zij door hunne godvruchtige gebeden de barmhartigheid, die zij steeds verhoopten, mogen deelachtg worden.

\\ oorkom , o Heer, al onze handelingen door uwe ingeving en voltrek die door uwen bijstand, opdar a.1 onze woorden en werken steeds uil IT hunnen oorsprong nemen en ook door U voleind worden.

Almachtige eeuwige God , wiens heerschappij zich uitstrekt zoowel over levenden als dooden en die U ontfermt over allen , die gij te voren weet dat de uwen zijn zullen door hun geloof en hunne werken : ootmoedig smeoken wij U, dat allen voor wie wij ons voorgenomen hebben te bidden, hetzij dezen nog op deze wereld zich bevinden hetzij reeds het andere leven zijn ingegaan, door de voorbede van alle uwe Heiligen van uwe goedertierenheid en barmhartigheid de vergiffenis van al hunne zouden mogen verwerven. Door Jesus Christus uwen Zoon, onzen Heer, die leeft en heerscht met U en met den H. Geest, God, door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

y. Heer, verhoor mijn gebed . ft. Kn mijn geroep kome iot TT.

-ocr page 139-

131

v. De almachtige en barmhartige God verhoore ons. R. Amen.

f. En dat de zielen der geloovigen door (iods barmhartigheid rusten in vrede. r). Amen.

Eorboete aan. hef: allerheiligst Hart van .It\'sus.

Aanbiddelijke Verlosser, wiens allerheiligst Hart van de vurigste liefde voor ons brandt. ik kom TJ openbare eerboete aanbieden voor al de versmadingen en beleedigingen, die F door zoovelen zijn aangedaan geworden en nog voortdurend door zoovel en IJ worden aangedaan.

O moclit ik in staat zijn door mijne zwakke eei-be.wijzingen en door de betuiging mijner liefde T eenigszins daardoor tè vergoeden ! O mocht ik mijn leven . ja mijn laatsten druppel bloed kunnen ten beste geven oia de oneer te herstellen, dieTJw aller-minnelijkst Hart lieeft te verduren!

Ik vereenig mij met de allerheiligste Maagd Maria, wier eerbewijzingen IJ zoo welgevallig zijn , met al «Ie koren der Engelen en de Gelukzaligen, die onophoudelijk U hunne lofzangen toezingen. ten einde op eenige wijze althans U voldoening te geven voor al de ondankbaarheid , voor al de miskenning, voor al de onteeringen, waarmede zoo dikwijls uwe allervurigste liefde tot ons wordt beantwoord. Yol berouw over mijne eigene tekortkomingen voor U

-ocr page 140-

132

neergeknield, vraag ik 1\' tevens vergiliénis voor die ongelukkigen, die, wel verre van II te beminnen gelijk Gij liet verdient, voortgaan met IJ te vervolgen en te beleedigen. Ik vraag IT vergiffenis voor al de aanslagen. die de vijanden van uwen naam. evenals in vroeger dagen , ook thans nog ricliten op uwe Kerk en hare dienaren, inzonderheid op onzen Allerheiligsten Vader, het zichtbaar Opperhoofd, door door II daarover aangesteld. Ik vraag U vergiffenis voor al de heiligschennissen , waaraan uwe Heilige Sacramenten en vooral het H. Sacrament des Altaars, dat sprekend onderpand uwer matelooze en onbegrijpelijke liefde , zijn blootgesteld ; ik vraag U vergiffenis voor al wat tegen de eer uwer Heiligen, vooral tegen die uwer Allergezegendste Moeder en ook ons aller Moeder Maria , is en wordt misdreven: ik vraag ü vergiffenis voor alle zondaren, voor alle ongeloovigen en andersdenkenden, die met de helsclie machten samenspannen om zooveel mogelijk de zielen aan uwe liefde te ontrukken en van uwen eeredienst af te scheiden.

Moge, o aanbiddelijk Hart van Jesus, moge dit eerherstel, hoe gering het ook wezen moge, ü welgevallig zijn; moge het II bewegen om uwe straffende hand niet op die ongelukkige verdwaalden te doen nederkomen, maar om integendeel allen door uwe machtige genade te doen terugkeeren van den dwaalweg , waarop zij zich bevinden, om voortaan zich alleen te honden aan U, die ..de weg, de waarheid en het levenquot; zrjt. Amen.

-ocr page 141-

DERDE GEDEELTE. (IEZAMEI.

-ocr page 142-
-ocr page 143-

135

rvo i.

Oinvekkiiig ter Uedevaart. (1)

\\\\ i.izk : 1 ld!). H. Kam. nquot; 35: „ O irroote Goil . waf zijn uw Uibcrnakelenquot;, ot Hdb. Congv. iiü -t3: „ O grootc Godquot; , enz. — of n0 17 : „ Daal neer , « schaal\' van jnicliendc Eng\'lcukoren.quot;

Op , Ohrist\'ncn . op! Isaar Bridles beil\'ge velden,

Door \'t edel bloed dor Martelaars besproeid 1 Ter beevaart keen naar \'r graf dier kloeke helden . Het harl van liefde en godsdienstzin ontgloeid !

Ter beevaart heen . o vrome pelgrimsscbaren ,

Naar \'t heiligdom, dat de eigen plek versiert. Waar ze eens hun strijd, vóór ruim driehonderd jaren, Volstreden , en hun zege daar gevierd\'.

Ter beevaart heen I Met zangen en gebeden Den lijdensweg gevolgd, dien \'t Heldental, Aan God en Godsdienst trouw, toen heeft betreden. Van Gorknms burg tot Brielies vestingwal I

Weerklinke de Oude-Maas, die quot;twreede lijden

Aanschouwde en quot;tbloed der Martelaren dronk, Van \'tlied der zege , die hun roemvol strijden Bekroonde en hun de Mart\'laarsglorie schonk !

Hun heldenmoed doe onzen moed ontbranden

Hun heldendood moge ons ten voorbeeld zijn \' Hun voorspraak doe mei hen ons veilig landen Jn \'t zalig oord, waar droefheid heersebt noch pijn !

; 1) Ook de gezangen op bl. 67 en 87 kunnen door de bedevaartgangers gebezigd worden ; nl. 3, Looi\', o Sion enz. 1)1. 07 op wijze n0 21 en „Loof, mijn tongquot;, bl. S7 op wijze „Tantum ergo.quot; If. Fam.

-ocr page 144-

13()

rlt;i°

Feestlied.

Wh ze : Pms-liedquot; of lï. Faui. 110 60 : Zie ous, Moeder, opgetogenquot;, oi\' Congr. n0 7 : „ Heiige Jozef, vol vertrouwenquot; ■— of n0 30 : „Laat ik rnstig van u zingenquot; of als n» 11 of ii° 13.

Bloem van Jfeerlands Martelaren 1 Onverschrokken Heldental!

Die den palmtak der victorie

Winnen mocht aan Brielles wal !

Vunr\'ge strijders, eed\'le lijders Voor uw Jesns . uwen God!

I\' ter eere stijgt ons feestlied ,

God ten lof, der hel ten spot.

Moedig waart ge en onverschrokken In \'t belijden van Gods leer:

()nbezweken . onverwonnen

Streedt ge voor uw Jesns\' eer !

Spot noch hoon , smaad noch verguizing , Niet de wreedste marteldood

Kon nw heldenmoed doen zwichten .

Die \'t verrukkendst schouwspel bood.

Moedig bleeft gij weerstand bieden Aan des duivels snood geweld,

Dat helaas ! op ÏSTeerlauds bodem Reeds zoovelen had geveld.

Moedig bleeft ge uw Heiland eeren . In \'t Hoogheilig Sacrament;

Trouw bleeft gij Gods Stedehouder,

Dien ge in Homes Pans erkent.

-ocr page 145-

137

Hoon\' vrij Kederland zijn liolden ,

Zijne strijders wijd vermaard , Die zijn driekleur deden wapp\'ren

Tot do verste grens der aard ; Wij, wij roemen eedler helden , Eed\'ler strijders. eed\'ler moed . Als we IJ , Gorloims Helden , eeren En uw zege door uw bloed 1

Ja . wij juichen, .Necrlands zonen, Helden van hot Nieuw verbond , Die wij broeders mogen noemen .

Als geteeld op d\'eigen grond; Broeders ook , als saamverbonden

Door een zelfde zaal\'ge leer : Ja, wij juichen, ja, wij zingen, Dierb\'ro Mart\'laars, u ter oor.

W0 3.

Loflied. (1)

Wr.}/.[,: 11. Fam. u0 50 : „Lieve Moeder van den Heer.quot;

ot\' 11° 08 : „Moeder Anna ! luid en blij.quot; of Congr. nquot; 78: „ Wees gegroet op kindertoon.quot; ot\' als nquot; \'J ol\' 11° 3 3.

Zoudt gij, Neerland, op uw machi .

Op uw vroeger grootheid wijzen ;

Zoudt ge uit \'t verste voorgeslacht En met recht — uw zonen prijzen :

1

Dit lied, met uog twee andere n0 31 en 33, is. met weglating \\an enkele coupletten, ontleend aan het „Handboek voor de Leden der Processie van Moerdijk enzquot; Tilburg 1S77. Kerkelijk goedgekeurd.

-ocr page 146-

138

Wij , ter beevaart zingen vrij Marl\'laars, oazc roem zijt gij.

Gorkmns HeiTgen, ja . gij zijt \'t Heerlijkst voorwerp onzer zangen : \'t Lolliecl, dat U de aarde wijdt, Wordt door de Eng\'len opgevangen ; En \'t weerklinkt ook in liun rij : Mart\'laars , Neer lands roem zijt gij.

Strijders waart gij in uw tijd Voor liet heiligst recht op aarde ;

Maar ook winnaars in den strijd , Die de onsterflijkheid U haarde : Daarom zingen pelgrims wij :

Marf laars onze roem zijt gij.

Helden waart gij in don dood . Kostbaar in het oog des Hoeren ;

Christen-heldon , waarlijk groot. Die miljoenen nu vereeren Daarom zingen pelgrims wij : Mart\'laars, onze roem zijt gij.

dimmer sterft uw hulde meer: Alle volken, alle talen

Blijven, Dienaars van den Heer, [Twen marteldood verhalen ;

Daarom zingen pelgrims wij : Mart\'laars, onze roem\' zijt gij.

-ocr page 147-

139

KJquot; 4.

Pelgrimslied en bede. (1)

Wijze ; H. Kam. u» 01 ; „Komt, nog een groet eu bede.quot; olquot;: „Marias becltl te midden\' enz.

Ter vrome bcêvaart iioodi^t

Ons Briellcs martelveld .

Dat ons Van (rorkiuns Helden

Den strijd eu zege meldt.

Vereent dan , Pelgrims , lieden Met uw gezang uw beden : Gij1, jN\'eerlands Patronen , bidt voor Nederland, (rij . Neerlauds Patronen , bidt, o bidt voor ons . Bidt voor ons , bidt voor ons.

Daar boodt ge eens jSeerlands zonen.

Gij . Neerlands roem eu eer. Het zielvei\'rukkendst schouwspel

Van troaw aan God, uw Heer;

Daar bebl ge uw strijd gestreden . Den marteldood geleden.

Gij . jSeerlands Patronen . enz.

I \'w ouverwinb\'re trouwe Behield in Nederland ,

— Schoon duizenden bezweken , —

\'t Ons allerdierbaarst pand:

Moog steeds , o Martelaren , I \'w voorspraak \'t ons bewaren. Gij . Neerlands Patronen , enz.

1

Op de terugreis veraudcre men do twee eerste versregels aldus.

Wij keereu dankend weder Van Brielies martelveld,

-ocr page 148-

140

O bidt, dat wij , als de ure

Van strijd voor ons ook slaat, Ons Uwer waardig toonen

Bij quot;s werelds hoon en smaad ; Dat wij als Gij dan lijden , Als Gij dan moedig strijden. Gij , Neerlands Patronen . enz.

O bidt, dat met n lijdend

lin strijdend ons de kroon Der Zaal\'gen eens versiere

In Sions hemelwoon.

Hoort van uit \'t zalig Eden Der Pelgrims vuur\'ge beden . Gij, Neerlands Patronen , enz.

]Nquot; CS.

Lied der Sederlandsclie Pelgrims.

Wu/.E: „ Wien Neerlandsoh\'bloodquot; of Cougv. uquot; 70 „Komt heffer wij een loflied aau.quot;

Heft, Pelgrims, heft een lofzang aan

Het Heü\'gental ter eer,

Wier heldenmoed zoo schitt\'rend blonk

In Nècrlands Kerk weleer!

Uw lied klinke over stroom en veld ,

\'t Klinke onbedwongen , luid !

Bezingt der Martelaren deugd .

TTim trouw aan -Tesus\' Bruid I

-ocr page 149-

141

Hoiv.eer ook dwang en snood geweld

Ons dierbaar vaderland Deed bukken voor de valsclie leer ,

Zij Melden moedig stand;

Zij bleven trouw aan :t oud geloof

Met onver wrikb\'ren moed :

En de eigen vaderlandsolie grond Dronk eens bun edel bloed \\

Zaagt, gij, o Brielle, \'t naamloos leed

Dier eed\'le Heldenschaar:

Zaagt gij liun bovenaardscbe deugd

In \'t nijpend doodsgevaar :

Tbans juicht gij om de zegepraal,

De glorie, hun bereid ,

De glorie, die hun lijden kroont Tot in alle eeuwigheid 1

O Helden, die, als ïfeerlands kroost,

Eens onze broeders wraart! O Heü\'gen, op wie Neerland thans

Met trots en vreugde staart!

Ziet neer van uit der Zaal \'gen woon ,

Waar gij uw loon geniet, Op Neerlands trouwe pelgrimsschaar , Aanboort hun need\'rig lied I

Uw ber bij God bescherm\' den grond.

Waarop onze adem gaat;

De plek, waar onze wieg op stond,

Waar eens ons graf op staat.

Bidt voor uw broeders in den strijd ,

Dat God hun moed versterk\': Dat steeds uw trouw aan Jesus\' leer Herleve in Neerlands Kerk.

-ocr page 150-

142

in- e.

Jubellied.

: II. I\'um. 1,0 22: „Vult U ,1c arbeid /waiir te

Luide klink\' de jubeltoon Tot voor \'s Allei-lioogsten troon !

Luide kjinko ons lofgeschal II ter eer, o Ileil\'gental,

Helden van liet nieuw Verbond , Die op Neerlands dierb\'ren grond .

I )oor geloof en liefde sterk.

Moedig streedt voor Jesusquot; Kerk !

Als uw broed\'ren dooi- den band Van eenzelfde vaderland,

Juichen , juublen we n ter eer,

Kloeke strijders van den Heer!

Ja , wij juublen om uw kroon .

•la, wij juichen om het loon.

Dat uw trouwe heldendeugd Thans geniet in \'s Hemels vreugd.

Klinke \'t ueed\'rig pelgrimslied,

Dat u Neerlands hulde biedt, Met der Eng\'len zangen een ,

Over Neerlands beemden heen !

Stijge \'t tot in Sions woon ,

Stijge \'t tot voor Jesus\' troon,

Dien ge als zaal\'gen thans omringt , Waar gij \'t eeuwig feestlied zingt!

-ocr page 151-

143

]Seen , dit loflied zwijgt niet meer :

Luider steeds zal \'t n ter eer,

Nu en tot den jongsten stond

Klinken over Keerlands grond ,

Dien ge in eed\'len heldenmoed

Uebt geheiligd door uw Hoed ,

En , wij smeeten \'t, dien uw beè Steeds behoede in rust en vreê I

«r »----

V.

Kerkliymnc: „Sanctornm meritis.quot;

(Vrije vertaling.)

Wijze . iiquot; o7 : .. Wij prijzen vol vreugdequot; en/..

Laat. Chrisfnen, uw zangen den Mart\'laars ter eev

Weerklinkeu , en viert liunne glorie \' Hun strijd is vol streden; bij God, hunnen Heer,

Genieten zij \'tloon der victorie.

Verheft hunne deugden, verheft hunnen moed . Bezingt hunne zege, gekocht door hun bloed!

Voor hen had de wereld slechts smaadheid en hoon ;

Doch zij ook versmaadden haar vreugden ; \'/i\\\\ zochten , o Jesus, een waardiger loon

Dan nietige en valsche geneugten.

Trouw bleven ze uw naam, en hun edele deugd Verwierf hnn voor eeuwisr do hemelsche vreugd \'

-ocr page 152-

14i

Bedreiging uocli slagen , verguizing uock smart

Vermochten kun trouw te verwinnen ; Zij gingen ter pijnbank met blijdschap in \'t hart.

En hielden niet op 11 te minnen.

Zij waren tot lijden. tot sterven bereid, Als lammeren , zwijgend ter slachtbank geleid.

Wat taal meldt hot immer, het lijden, zoo wreed,

Dat, Jesus, uw Heil\'gen doorstonden!? Wat taal meldt ook \'tloon, dat hun nameloos leed

Voor eeuwig bij U heeft gevonden, Su , \'thoofd met den lauwer der zege gesierd, Hun ziel. eind\'Ioos juublend, het bruiloftsmaal viert!

o God, van wiens oppermacht hemel en aard\'

En alles wat ademt getuigen!

V ergeef ons de schuld , die ons harte bezwaart,

Die biddend het hoofd ons doet buigen.

Schenk vrede; behoed ons voor onheil en druk . En geef eens uw dienaren \'themelsch eeluk.

-ocr page 153-

145

N» 8.

Kerkhymne: „Christo profusum.quot;

Wijze : H. ïam. n0 30 ; „ Mijn Heer, mijn God , ik wil tl minnenquot;, of nquot; 49: (hetzelfde als Congr. n0 53) „ O ilaagd, o schoonheid nooit volprezenquot;, of n0 63 : „o Jozef, hoor ze, duizend monden.quot;

Laat uwe zege- en vreugdepsalmen , O Christ\'nen , luid en blij weergalmen

Den eed\'len Martelaars ter eer !

Thans siert hen, in het rijk der glorie, De omvelkbre lauwer der victorie ,

Als strijders voor hun God en Heer.

Geen vrees vermocht hun heldenharte Ter neer te slaan; geen lichaamssmarte

Verwon hun bovenaardschen moed. Hun dood ontsluit hun \'t eeuwig leven Waar, van elke aardsche pijn ontheven,

Zij baden in Gods overvloed.

Dat vrij \'t onmensch\'lijkst leed hen kwelle, Dat vrij de razernij der helle

Met vuur en staal hun trouw belaag\'; Dat vrij der beulen dolle woede Hen gees\'le, foltere ten bloede, —

Geen nood dat \'t heldenhart versaag\'! O Jesus , voor wiens naam zij leden,

O Jesus, door wiens kracht zij streden

En die thans hunne trouwe loont,

Geef, dat ook wij na \'t aardsche strijden Met hen hierboven ons verblijden,

Waar gij uwe nitverkoor\'nen loont.

10

-ocr page 154-

14G N» O.

Kerklij nine: „ Rex gloriosc.quot;

quot;Wtjzs als n0 3 of\' H. Fam. 110 12: „Jesus, meuscligeworden Godquot;, of Congr. nquot; 86 : „Groote God, TJ loven wij.quot;

U, der Martelaren Vorst,

Klinken onze jnbelpsalmen ,

TT, die rnv Belijders loont Met de onwelk\'bre zegepalmen;

Die met hemelvreugd verzaadt Al -wie de aardsche vreugd versmaadt!

Doch bij \'t blijde jubellied ,

Dat ter eer der Martelaren

Oprijst, hoor ook \'t smeekgebed ,

Dat we aan onze zangen paren :

Door uw goedertierenheid Zij vergeving ons bereid!

Gij verwint in hen , die trouw Voor TJ en uwe eere strijden ,

En nw goedheid en gena Spaart, die trouw uw naam belijden: Dat uw liefde en vadermin Ook ons aller schuld verwinn\'!

God den Vader, God den Zoon, God den Heil\'gen Geest, den Heere ,

Zij , nu en in eeuwigheid ,

Glorie, roem en lof en eere! TJ , Drieëenheid , loven wij Met der Martelaren rij !

-ocr page 155-

ISf° 10.

Kerkliymne: „Invicto Martyr.quot;

AVijze : als liquot; 1.

O Martelaars, iu den strijd steeds onbezweken, Die \'t voetspoor volgdet van Gods een\'gen Zoon,

Thans smaakt, getooid met \'t een wig zegeteeken , Ge, als overwinnaars , \'tzaligst, heerlijkst loon.

Uw macht\'ge voorbeê bij den Heer der heeren Beveilige ons voor zondeschnld en straf;

Moog ze onheil, druk en rampen van ons keeren , Weer\' ze elke smet van \'t kwade van ons af!

ITw ziel heeft al de boeien reeds verbroken, Die onze ziel nog hechten aan deze aard :

Bidt, dat ons hart, door hooger liefde ontstoken, Yoor quot;t aardsche stof behoed worde en bewaard.

XT, Vader Zoon en Geest, die één in wezen, Drievuldig in personen zijt, zij eer!

Uw liefde en macht zij eenwiglijk geprezen!

IT love de aard met heel het hemelheir!

-ocr page 156-

148

IN- 11.

Kerkhymne: „Deus tuorum.quot;

Op één (Ier If ff. Martelaars.

WtJZE : „Magne Josephquot; of als n0 3 of n0 13.

God, van uwe trovrwe strijders Zelf in \'s Hemels vreugd liet loou ,

Waar ze, in uw bezit volzalig,

Eeuwig juublen voor uw troon!

Laat ons loflied tot u rijzen Op des Mart\'laars feestgetij,

En van zondeschuld en straffe Spreke ons zijn verdienste vrij!

\'s Werelds zingenot en vreugde Schenen hem slechts bitterheid;

Zoet was hem de weg des lijdens, Die ten Hemel henenleidt

Geene smart kon hem doen wank\'len. Blijde ging hij in den dood;

Eeuwig vindt hij thans vergelding Voor het bloed, dat hij vergoot.

Spaar, o Heer, ons die hier zuchten Onder \'t wreede zondejnk ;

Leide ons \'s Mart\'laars macht\'ge voorbeê ïot het eeuwig , waar geluk.

Glorie zij TT, God de Vader,

Glorie zij TT, God de Zoon,

TI ook , die van beiden voortkomt, Prijze ons aller jubeltoon !

-ocr page 157-

149

1NT° 13.

Eerljoe.telied.

AVijze ; als uquot; 3 oi\' u0 9.

Jestis , \'s Vaders eeuw\'ge Zoon , Die, om \'t uieuschdom te bevrijden ,

Adams schuld hebt -uitgeboet Door uw bitter, smartvol lijden , God van liefde en majesteit,

II zij lof in eeuwigheid!

IJ, wien Gorkums Heldenschaar Onverschrokken heeft beleden ,

Voor wiens eer zij tot huu dood Trouw en onvenvoimen streden, God van liefde en majesteit,

TT zij lof in eeuwigheid !

U , wiens liefde en teed\'re min Ach. miskend wordt door zoo velen , Zelfs helaas ! door hen die \'t meest In uw liefdegaven deelen,

God van liefde en majesteit,

IJ zij lof in eeuwigheid !

U , gesmaad in \'t Sacrament, Dat de zielen spijst ten leven ,

Van uw liefde \'thoogste pand. Dat uw almacht ons kon geven , God van liefde en majesteit,

U zij lof in eeuwigheid !

-ocr page 158-

150

IT , miskend, gehaat in Haar , Die Gij zelf als Moeder eerde,

In uw Heiligen , in uw woord , Dat den weg des heils ons leerde, God van liefde en majesteit,

U zij lof in eeuwigheid!

IT , in uwe Kerk gehoond En die voor haar rechten strijden;

U, vervolgd in hen die, trouw Aan die Kerk , uw naam belijden, God van liefde en majesteit,

ü zij lof in eeuwigheid!

U , wiens minn\'lijk vaderhart Steeds bereid is te vergeven

Wat door \'t zondig menschenkind Tegen TJ ook werd misdreven , God van liefde en majesteit, IT zij lof in eeuwigheid!

U , wiens opperheerschappij Aarde en Hemel moet getuigen ;

U , voor wien elk schepsel zich Keed\'rig in het stof moet buigen , God van liefde en majesteit, U zij lof in eeuwigheid!

-ocr page 159-

151

Nquot; 13.

Verklaring der Pelgrims, dat zij trouw willen blijven aan de Katholieke geloofsleer, voor welke de HH. Martelaren hun bloed vergoten hebben.

Wijze : iils n0 2 of u0 11, of H l am. uquot; 26: „Gansch des Heeren aardsche levenquot;, of n0 59: „Dealïc-lige winterdagenquot; of Oongr. uü 71 : „Ziet gij daar de wolken zweveu.quot;

Uitverkoren Martelaren\'

Gorkums eed\'le Heklenscliaar !

Zie ona biddend nederknielen ,

Voor het IT gewijd altaar\'

l)e eigen leer, door U beleden En bevestigd door uw bloed ,

Komen wij ook hier getuigen,

Hoe ook hel en duivel woed\'!

Met ü eeren we onzen Heiland ,

— Hoe door Neerland ook miskend , — Als in waarheid tegenwoordig In \'t Hoogheilig Sacrament:

Wat ook \'t ongeloof moog spotten

En uw volk bedreigen moog\',

Moedig hellen wij den standaard,

Dien gij hieft, met U omhoog!

Jesusquot; onbevlekte Moeder,

\'s Hemels eed\'le Koningin ,

En ook aller christ\'nen moeder,

Vol van teed\'re moedermin ,

Brengen met U we onze hulde,

Eeren wij als gij weleer :

Zalig prijzen wij , met de eeuwen ,

Haar als moeder van den Heer!

-ocr page 160-

152

Met TT trouw aau Jesus\' Kerke ,

Hecht gegrondvest op de rots ,

Volgen wij ook Homes Herder,

Als den Stedehouder Gods!

Leo\'s (#) woord blijft ons tot richtsnoer

Van het onvem-alseht geloof,

Dat wij als Gods woord erkennen,

Voor elke and\'re leering doof!

t Credo door u uitgesproken ,

Dat gij trouw bleeft in den nood, Hebben we allen trouw gezworen , ïronw met U tot in den dood! Met U blijven wij belijden.

Wat gij tuigdet met uw bloed : Moedig ofl\'ren wij en blijde ,

Ook met U èn goed èn bloed!

IV» 14.

Gebed voor do Kerk.

Wijze : H. Fara. n» 14: „Welkom geheeteu.quot;

O dierb\'re Heil\'gen ,

Die eens op Keerlands grond ,

Als ware Helden , Uw zegepalmen wont!

Gij, die voor Jesns leedt. Die voor zijn Kerke streedt, Hoort de TJ gewijde scharen , Vereend in één gebed, O Martelaren.

(*) Of: \'b Pausen.

-ocr page 161-

153

Ziet hoe de orkanen Met bulderend geluid

Zicli woedend storten Op Jesus\' dierb\'re Bruid.

Ziet iioe de macht der hel Haar aangrijpt woest en fel :

Redt haar uit die gevaren Door uw gebed bij God , O Martelaren.

Bidt, dierb\'re Hcil\'gen ,

Voor quot;t zichtbaar Hoofd der Kerk

Dat \'b Hemels zegen Hem hoed\', verlicht\', versterk\'; Tot \'tonrecht zij hersteld, Dat hem in boeien knelt,

Moog God zijn leven sparen !

Bidt gij met ons voor hem, O Martelaren.

Bidt voor de strijders, Wie, trouw als gij aan God,

Hier slechts vervolging. Verguizing wacht of spot.

Geev\' God hun hooger kracht, Die tegen Satans\' macht Hun trouw hen doe bewaren! Uw voorspraak sta hen bij, O Martelaren.

Bidt dat wij allen,

Het oog op U gericht,

Getrouw steeds strijden quot;Voor godsdienst, recht en plicht.

-ocr page 162-

154

Breugt tot den schaapstal weer Vau d\'ééneu God en Heer Die eenmaal de onzen waren. Bidt voor de gansche Kerk, O Martelaren.

IV° IS.

Lofzang en gebed tot de HH. Martelaren.

Wijze : H. Kam. n0 84. „U, -Tosef, wijd ik mijnen zan^.quot;

TT, Heilgen , zij mijn zang gewijd , TT, Helden , die den goeden strijd Volstreedt en die op JNeerlands grond De kroon der martelaren wont!

Gij , die op Neerlands grond Uw martelkronen wont ,

O Gorkums Heil\'gen , o Heil\'gen , bidt voor ons. Laat nw martelpijn Ons ter voorbêe zijn,

O Gorkums Martelaren, bidt, o bidt voor ons.

De godsdienstbaat, in Nederland Als een onheilig vuur ontbrand,

Koos u als otters, en vol moed Vergoot gij voor uw God uw bloed.

Gij , die enz.

Geen lijden , kwelling , smaad of spot Van \'tgoddelooze moord\'naarsrot Kon u doen wank\'len, waar liet de eer Van Jesus gold en Zijne 1 eer.

Gij , die enz.

-ocr page 163-

155

Uw Jesus , zoo verguisd , miskend,

lu Zijn lioogheilig Sacrament

Ons voedend met Zijn vleescli en bloed , Beleedt gij steeds met heldenmoed.

Gij . die enz.

Voor de eer der reine Moedermaagd Zag u de dwaalleer onversaagd .

En door den geest der waarheid sterk Handhaafdet gij \'t gezag der kerk.

Gij , die enz.

Thans schitt\'rend in der Zaal\'geu rij, o Heilgen , bidt voor ons, dat wij Met U eens deel en in de vreugd,

Die \'t loon is uwer heldendeugd.

Gij , die enz.

lO.

Aanroeping1 der HH. Martelarett.

Wijze : H. Fam. n0 37; „ Maria, wil gedoogeuquot;, of n 63 : „O Jozef, Voedstervaderquot;, of Oongr. n0 31: „ Komt, Eng\'len , helpt ons roemenquot; of u» 31 „ Triomf! de donders slapen.quot;

Heft, Broeders , heft uw harten

Vertrouwend tot den Heer!

Hij hoort gewis uw beden Den Martelaars ter eer.

Laat, Pelgrims , \'t smeeklied rijzen

Tot Gorkums Heldenschaar!

Daar vindt gij troost en hulpe In ziels- en lijfsgevaar.

-ocr page 164-

15()

Wij smceken, clierb\'re HciFgen ,

IT \'t eerst voor \'t vaderland : Behoedt voor satans lagen De Kerk van Nederland. Behoedt, beschermt uw broed\'ren , Wie de ergste strijd nog wacht; l)och bidt ook voor die dwalen , Gekneld in \'s vijands macht.

Verzacht de bitt\'re smarte

Van \'t dierbaar Opperhoofd Van Jcsns\' Eerk op aarde,

Door snood geweld beroofd. Hmeekt s Hemels mildsten zegen

Op onzen Vader af.

Dat :g Heeren kracht beziele Zijn ()pperherdersstaf!

Bid voor den Vorst, wiens schepter

Iw JSTederland regeert;

Blijve altijd ramp en onheil

Van t Vorstenhuis geweerd! — Ook voor al de onzen roepen

Wij uwe voorspraak in ;

Behoedt, beschermt hen allen ,

Bidt voor ons gansch gezin.

Nog rijst tot U een bede

Uit aller hart en mond,

Voor de afgestorven leden Van onzen broederbond.

Vertroost hen , die nog zuchten

In t wreede zniv\'ringsvuur ; Verzacht huu grievend lijden , Verkort hun lijdensduur!

-ocr page 165-

157

Kquot; I/T.

Gcbed om een zaligen tlooil.

Wijze: H. ï\'am. nquot; 64. „ Heü\'ge Jozef! trouwe Hoeder.quot;

Gorkums lieil\'ge Bloedgetuigen!

Roemrijk Chriatenlieldental!

Hoort het .smeeken tiwer broeders

In dit aardsche tranendal.

lieil\'ge Mart\'laars ! Bidt dat wij Zalig sterven zooals gij.

O wat hebt ge niet gestreden,

Niet geleden voor uw God !

Maar na al uw lijden, strijden Smaakt gij \'t allerzaligst lot.

Heil\'ge Mart\'laars ! Bidt dat wij Zalig sterven zooals gij.

Onverwelkbaar is de glorie,

Die gij thans bij God geniet;

In der En\'glen zaal\'ge koren

Klinkt uw juublend zegelied.

Heil\'ge Mart\'laars ! Bidt dat wij Zalig sterven zooals gij.

Met den palmtak der victorie

Prijkt gij voor des Eeuw\'gen troon, En uw ziel baadt in geneugten

In de zaal\'ge hemelwoon.

Heil\'ge Mart\'laars ! Bidt dat wij Zalig sterven zooals gij.

-ocr page 166-

158

Gorknms lieil\'ge Martelaren !

Eed\'le , trouwe Helclensohaar !

Bidt voor ons, uw arme broeders,

Nu en in het doodsgevaar.

Heil\'ge Mart laars! Bidt dat wij ZpJig sterven zooals gij.

Als voor ons ook \'t sterfuur nadert

Met zijn angsten, schrik en nood, Dat uw voorbeê dan ons allen

Binnenleide in Abrams schoot. Heil\'ge Mart\'laars! Bidt dat wij Zalig sterven zooals gij.

IS.

Litanie van \'le HH. Martelaren van Gorkuni.

Wijze : H. Fam. n° 51. „ O hentölkoningiii.quot;

Zie van omhoog, o Heer ,

Op ons , uw kind\'ren , neer.

O Christus, hoor, verhoor ons. (bis) Drieëenig God , wiens lof Klinkt door gansch \'themelhof, O Heer, ontferm u onzer, (bis)

O reine Moedermaagd,

Die \'t meest aan God behaagt,

O bid voor ons, Maria, (bis) O Gorknms Heldental,

Bekroond voor Brielles wal,

O bidt voor ons , o neil\'gen,

O bidt voor ons , uw broeders.

-ocr page 167-

159

Die ondanks smaad cu spot Getrouw bleeft aan uw God,

O bidt voor ons, o Heil\'geu , i Die ijv\'raars waart voor de eer Van Jesus en zijn leer,

O bidt enz.

Die de onbevlekte Maagd Verdedigde onversaagd

O bidt enz.

Die , door Gods waarheid sterk, Streedt voor \'t gezag der Kerk, O bidt enz.

Die , vol van lieldemnoed ,

Voor God vergoot uw bloed,

O bidt enz.

Die hier, op Keer lands grond. Uw martelpabnen wont,

O bidt enz.

Gij , Mart\'laars, die op aard Eens onze broeders waart,

O bidt enz.

quot;W ie een onbreekb\'re band Verbindt aan Kederland,

O bidt enz.

Die met de zegekroon Thans prijkt in Sions woon,

O bidt enz.

Die naast het Lam thans staat In \'t lelieblank gewaad ,

O bidt enz.

-ocr page 168-

160

Die van uit \'t zalig oord Der pelgrims beden lioort,

O bidt enz.

Wiens Imlp ons in den strijd Besclierme te allen tijd.

O bidt enz.

Wier voorbeê ons bewaar\'

In \'tnijpend doodsgevaar,

O bidt enz.

Wier voorspraak ons bij God Eens sclienke \'t zaligst lot,

O bidt enz.

Lam Gods, dat door uw bloed Voor \'tmenselidom liebt geboet,

O spaar ons, Heer , verhoor ons. (bis) Lam Gods , dat door uw bloed Voor de eeuw\'ge straf ons hoedt, O Heer, ontferm n onzer, (bis)

N» 1©.

8 m e e k 1 i e tl.

Wijze : Cougr. n0 50 : „ Kind\'ren van Maria.quot;

Neerlands dierb\'re Heil\'gen, \\

Gorkums Heldental ! (Wordt telkens

Bidt voor ons, uw broeders, V herhaald. In dit tranendal. /

-ocr page 169-

uu

Machtig is uw voorbeé Bij uw Heer en God,

Wien ge nw trouw bewaardet \'s Werelds lioou teu spot.

\'t Wreedste martellijden Leedt gij voor Gods eer;

Blijde gaaft ge uw leven Voor uw Jesus\' leer.

Thans bij God verbeven In der Zaal\'gen woon,

Steunt der pelgrims beden, Voor des Hoogsten ti\'oon!

Laat ons door uw voorspraak, Sterk door liooger kracht,

Onverwinbaar blijven

Voor des vijands macht!

Zij ons gansche leven \'s Ileeren dienst gewijd

Steune ons zijn genade Steeds in \'slevens strijd!

Redt in zielsgevaren,

Bedt in allen nood;

Neemt in uwe hoede Ons tot in den dood.

-ocr page 170-

162

K0 SO.

OelH\'d der pelgrims voor Nederland.

Wijze : H. Fam. n0 14 : „ quot;Welkom geheeten !quot;

IJ , Martelaren !

U klinkt ons pelgrimslied ,

Die , opgevaren, Nu \'t mart\'laarsloon geniet!

Hoort van uit Sions woon Den smeek- en jubeltoon Van Seerlands pelgrimsscharen, Die juichen om uw kroon, o Martelaren,!

Gij , kloeke strijders Voor Jesus , uwen Heer!

Gij , vrome lijders !

Ziet op uw broed\'ren neer,

Die op den eigen grond ,

Waar gij uw kronen wout, Vertrouwend tot u smeeken:

Moog\' nimmer Kederland uw lixilp ontbreken!

Gij, Hemelingen,

Hebt reeds uw strijd volbraclit!

Ons, stervelingen,

Bedreigt nog \'svijands maolit!

Ziet, boe verwoed en fel En wereld , vleeseh en bel Den palm ons traeht te ontwringen! Strijdt met ons in dien strijd! o Hemelingen!

-ocr page 171-

163

Gij, bloem der helden ! Vol ahristendetigd en moed,

Die Brielies velden Besproeid hebt met uw bloed! Beschermt uw Vaderland , — \'t Ons dierbaar Nederland , — Voor onheil en gevaren!

Beschermt titv Nederland, o Martelaren!

O uitverkoren Belijders van Gods woord!

Wendt af Gods toren Van \'tu zoo dierbaar oord!

Moog immer Keerlands Kerk, Door uwe voorspraak sterk, Het waar geloof bewaren!

Bidt, bidt voor Nederland, o Martelaren !

N0 SI.

Sineekzang\' tot bekeering der afgedwaalde broeders.

Wijze: H. Farü. n0 65: Jozef, spoed u, trouwe Hoederquot;; of n0 73: „IJdelheid der ijdelhedenquot; ; of Congr. n0 ö5 : „O Maria, wees geprezen.quot;

Ziet gij hier, o Pelgrimsscharen,

Hen, die eenmaal de onzen waren,

Zonder jamm\'rend zielsgevoel ? ....

Eeuwen zijn er reeds verloopen ,

En nog blijft de scheuring open Tusschen hen en Petrus\' Stoel!

-ocr page 172-

1(54

Zestiende eeuw! wat diepe wouden Sloegt gij eens op Keerlands gronden

Jesus\' onverwinbre Bruid!

Zijne Kerk zaagt gij hier bloeien, Vrucliten dragen, weeldrig groeien. En — baar wasdom ligt gestuit!

Alles, wat u was misdreven,

Hebt gij, Martelaars, vergeven ; —

Gij dus roept om wrake niet.

Wilt met ons dan Jesus smeeken Tot bekeering dezer streken ,

Die gij nog in dwaling ziet.

Keen, bet bloed door u vergoten Eisobt voor uwe landgenooten

\'t Vuur des Hemels niet tot straf; Maar bet roept en smeekt ontferming, Jesus\' goedheid, uw besoberming Over onze broeders at.

O verdwalen zij niet verder Van den éénen, waren Herder,

Die des Heeren scliaapstal boedt! Mart\'laars , \'t zalig tijdstip nader\', Dat uw Neerland d\'éénen Vader Aller Christ\'nen weèr begroet !

-ocr page 173-

165

N» ««.

Bij het naderen Tan Brielle.

Wijze: Cougr. n0 8; „Maria\'s hart door liefdebrand;\' of n0 ]2: „Daalt, Eng\'len, daalt uit \'themelsch tof.quot;

Gegroet, gij , oude , grijze vest,

Van Neerlands vrome pelgrimsscharen!

Gegroet, o Brielle, lieil\'ge steê Van Neerlands eèlste Martelaren!

Wij, pelgrims, komen op liun graf, Hnn eed\'len lieldenzin vereeren ;

En zingen daar, lum moed ter eer,

Met lien vereend den lof des Heeren.

Gij zaagt, o Brielle, hoe hun hart Voor God van reine liefde gloeide;

\'tWas bij uw wallen, dat het bloed Uier echte, trouwe helden vloeide ;

Daar leerden ze ons, hun nageslacht, Die met hen de eigen leer belijden ,

Hoe wij ook voor dienzelfden God Volhardend, ijv\'rig moeten strijden.

Gegroet dan, Brielles heilig erf!

Besproeid door \'t edel bloed dier helden !

Hun glorie zal tot \'s werelds eind

Aan Jesus\' Kerk uw naam vermelden. —

Gegroet, o roemrijk Heldental, Van Neerlands Katholieke zonen ,

Die bij uw weergevonden graf

Hun godsdienstzin en liefde toonen !

-ocr page 174-

1(56

Lied op het graf onzer HH. Martelaren.

Wi.rzE ; H. Fam. u0 30: „Mijn Heer, mijn God, ik wil u minnen,quot; of n» 49; (is hetzelfde als Consr. u° 53) „O Maagd o schoonheid nooit volprezen of n» 63 ; „O .Tozef, hoor ze, duizend monden.quot;

o Dier\'bre grond, voor alle tijden Vereeuwigd door liet roemrijk lijden

En onzer Helden marteldood!

o Dierbaar graf\', zoo lang ontheiligd,

Voor scliennende oneer nu beveiligd, Wat heil\'ge sckat rustte in uw schoot!

he bt gij in het ver verleden ,

Gekroonde strijders, hier geleden

Voor Jesus\' Naam en Zijne leer!

Maar wie ook nu, o Martelaren,

Van hier ten Hemel opgevaren,

Wie geeft uw zege en glorie weêr!

Aanschouwt hen, hier op uwe graven, Wie gij de kostbaarste aller gaven

Bewaardet: \'t heilig Roomseh geloof. Wat strijd, o Mart\'laars, ons verbeide, Niets, dat ons ooit van Jesus scheide; •— Niets, dat ons ooit dien schat ontroof.

Ook wij aanbidden , Martelaren,

Den God van liefde op onze altaren! —

Die Petrus\' staf en sleutels draagt Is zijn onfeilb\'re Plaatsbekleeder. —

Oprecht beminnen we en zoo teeder Maria, onze Moedermaagd.

-ocr page 175-

H57

Wij leggen, Heiige Bloedgetuigen ,

Terwijl wij voor uw grootheid buigen,

Van [dat geloof belijd\'nia af: — Moge\'[onze pelgrimsreis \'t versterken , Het vruchtbaar maken door de werken: Dat smeeken wij hier op uw graf. -lt;m *»-

Opwekking ter navolging der HH. Martelareu,

Wijze : H. Fam. u0 73: „\'k Leef tier steeds tevreden.quot;

Zingen wij ter eere

Van het Heldental,

Dat zijn martelkrone

Won voor Brielles wal.

Zingen wij hun trouwe,

Vrome deugd en moed,

Op uw grond bezegeld,

Neerland, met hun bloed!

Laat ons lotlied galmen,

Broeders, hun ter eer :

In zijn Heil\'gen loven Wij hun Opperheer,

Wien zij eens beleden

Trots èn smaad èn hoon,

Wien zij thans hun psalmen Zingen voor Zijn troon.

Ons ten voorbeeld streden

Zij den bangen strijd.

Die hen deed bekronen Satans macht ten spijt.

-ocr page 176-

168

Volgen wij, iinn broeders,

Htmne heldendeugd :

Deze slechts doet deelen In Iiun hemelvreugd.

Laat ons met hen strijden

Waar ook strijd ons wacht, Steeds als zij vertrouwend,

— Niet op eigen kracht, — Doch op \'s Heeren hulpe ,

Die ons nooit verlaat,

Maar den sterksten vijand Steeds verwint, verslaat.

Vergt de strijd een oliër,

Brengen wij het blij ,

/elis het offer van hun

Leven brachten zij.

Laat geen tijd\'lijk nadeel,

Menschenvrees of spot Onze trouw doen wank\'len In den dienst van God.

Heil\'gen , onze broeders,

Smeekt die gunst ons af. Dat we uw voorbeeld volgen

Trouw tot aan het graf.

Bidt voor ons, dat we allen

Eens in Sions woon Met u onze psalmen Zingen voor Gods troon.

-ocr page 177-

169

IV.. S«5.

Te üeum laudamns.

(Door de HH. Martelaars van Gorkum gezongen, toen hun te Gorkum hun dood werd aangekondigd , en [ook toen zij processiesgewijze door Brielle trokken).

Wijze: als n0 2, ot\' n0 11 , of n0 13.

U, o God , o Heer der heeren,

11 belijden , loven Tvij!

Met heel de aarde eert, eeuw\'ge Vader ,

\'t Eng\'lenheir uw lieerseliappij.

\'t Lofgezang der Clierubijnen

Huwt zich aan der Serafs toon,

En het ,, Heilig , Heer der machtenquot; , Ruischt steeds om uw glorietroon !

Aarde en Hemel tuigen beide

Van uw macht en heerlijkheid,

En de rei der uitverkoornen Roemt uw oppermajesteit.

Met de Apost\'len prijst uw grootheid

\'t Glorierijk Profetenheir,

En het koor der Martelaren Wuift zijn palmen U ter eer!

God , drievuldig in personen ,

Eén in wezen , één in macht,

Door gansch \'t christenvolk op aarde

Wordt U lof en eer gebracht. IJ, almachtige , eeuw\'ge Vader,

En nw een\'geboren Zoon ,

Met den Trooster ons gegeven ,

Lotzingt aller jubeltoon !

-ocr page 178-

170

Hoor ons, Christus, Vorst der glorie,

Zooa des Vaders, die den schoot Eener Maagd niet schroomde om \'tmenschdom

Te verlossen uit den nood ;

Hoor ons , wie Gij door uw sterven

Weer de hemelpoort ontsloot,

Kn Ge aan \'sVaders rechter zetelt. Als verwinnaar van den dood!

Straf\' ons niet, als Gij znlt rechten,

Wie Gij vrijkocht met uw bloed :

Voer ons in der zaal\'geii woning:

Dat nw liefde ons steeds behoed\'!

Dat nw hand ons steeds geleide ,

Ons , nw erfdeel U zoo waard \'

Eeuwig zij nw naam geprezen In den Hemel en op aard\' !

Moge nw bijstand ons beschermen

Tegen satans dwing\'landij ,

En uw machtige genade

Hoa.de steeds van schuld ons vrij! Op U hopen wij , o Heere,

Op uw goedertierenheid!

.Neen, die hoop beschaamt ons nimmer, jNn en in alle. eeuwigheid !

if

-ocr page 179-

171

Kï° S6

Het Salve Retina.

(Door de HH, Martelaars van Gorkum gezoagau, toeu zij te Brielle rondom do galg werden geleid.)

Wijze : H. llt;quot;am. n» 33 ; „o Godsgezin, o drietal ledenquot;, of Congr. 11° 1 : „Verstomt, o volk\'ren, enz.quot;, of: „O lelie, schoon en uitgelezen!quot;, of n0 63 ; „.JuicUt, juicht o hemelingen.quot;

Wij groeten U, o Koningimie !

O Moeder, van banuliartiglieid!

Wier onuitput\'bre moedermiune

Ons \'s Hemels gnnsten steeds bereid ! Gij hebt ons \'t leven weergegeven ,

Ons snood ontrukt door Adams val : Gij , onze hoop bij \'t aardsche streven , Gij , onze troost in \'t tranendal!

O koor liet droevig, angstig zucliteu

Van Eva\'s schuldig nageslacht!

O zie liet schreiend tot U vluchten ,

Tot U , van wie \'tzijn redding wacht.—• Welaan dan, sla uw liefd\'rijke oogen ,

O Moeder, op uw kind\'ren neer!

Toon ons uw heilrijk mededoogen En spreek voor ons bij God den Heer.

Wees met uw kind\'ren bij het scheiden

Van uit dit droevig ballingsoord :

En wil ons eens tot Jesus leiden ,

Waar \'t eindloos feestlied wordt gehoord!

-ocr page 180-

Daar, in het koor der Hemolingen , Vereenigcl met der En\'glen stoet, Daar zullen wij uw goedheid zingen, O Moeder teer! o Moeder zoet!

IMquot; STquot;.

De profnhdis.

(De/e psalm , het gewone gebed der Kerk voor de overledenen, moest, naar eene van ouds bestaande overlevering, door de HH. Martelaars van Gorkum gezongen worden, toen zij processiesgewijze om eene pomp te Brielle gevoerd weiden. Vandaar de naam van De profundis-pomp daaraan gegeven.)

Wijze : H. fam. n0 26 : „ Ganscb des Heeren aardsche leven,quot; of nquot; 74. „Bij den dood ontzinkt ons\'t heden.quot; enz.

Jn ellende diep verzonken

Roept mijn stem tot TT, o Heer;

Hoor mijn klagen , hoor mijn zuchten,

Zie genadig op mij neer.

\'k Mag slechts op uw goedheid hopen :

Want wat sterv\'ling zal bestaan ,

Als Ge op de ongerechtigheden

Van uw schepsel \'toog zoudt slaan P

Ja, hoezeer ook onze boosheid

In uw oog een gruwel zij,

Toch, op \'t woord door U gesproken

Hopen en vertrouwen wij.

\'k Bouw op uwe vaderliefde ,

Die geen grenzen kent noch maat; Op uw goedheid, die de zwakheid Van uw kind\'ren gadeslaat;

-ocr page 181-

173

Blijf\', mijn ziele , blijf steeds kopen

Op Gods goedheid , op zijn macht, Van af \'t eerste morgenkrieken

Tot den avond, tot den nacht. Grooter dan nw zondenschnlden

Is zijn goedertierenheid;

Hij is, als een teed\'re Vader, Tot vergeven steeds bereid.

Hoor, o God , o hoor ons smeeken

Voor die onze broeders zijn.

Die om hunne schuld nog znchten

In onduldb\'re, wreede pijn.

Treed, o Heer , niet met u\'w kind\'ren ,

In een al te streng gericht:

Geef hun de eeuw\'ge rust en vrede, En verlicht\' hen \'t eeuwig licht!

No SS.

Bij het vertrek nit Brielle.

Wijze : Congr. u0 3. 1(\' gedeelte. „O Gij, die troontquot; of u0 89 : „ Erken uw God, o christenschaar.quot;

Vaarwel, o Briel, — ü heiige steê

Van Gorkums Martelaren !

Ons lied brengt U — Den afscheidsgroet Van Neerlands Pelgrimsscharen.

Wij eerden saam — Het heilig veld, Dat eens hun bloed besproeide: Wij vierden saam — Den heldenmoed, Waarvan hun \'t harte gloeide.

-ocr page 182-

174

quot;Wij knielden neer — Op \'t heilig graf,

Zoo dierbaar aan ons harte: De schouwplaats van — Hun heldendeugd En van hun stervenssmarte. —

quot;Wij scheiden thans, — Doeh \'thart vol moed

Om ook hun strijd te strijden :

Om ook met hen , — Als \'t God vereischt, Voor Jesus\' naam te lijden.

V aarwei nog eens , — Gezegend oord !

Tuig steeds voor Neerlands zonen, Hoe immer nog—In veler hart

En deugd en godsvrucht wonen.

Bidt, Heldental! - In \'s Hemels woon ,

Voor die uw graf vereeren :

Doe uw gebed — Bij eiken tocht Hun godsdienstzin vermeeren!

Imprimatur, sed quoad litanias tautum ad usum privatum.

Tilburgi, 2 Aprilis 1S89.

M. F. de Beer , Sup. Gen. et Dcc. ad hoc delegatus.

Eigendom van hel R. K. Jongens-Weeshuis. Tilburg.

-ocr page 183-

INHOUD.

--«SC----

B LADZ.

Voorwoord. . ....................3

Eerste gedeelte. Bedevaart. — tfescliiedeuis.

Reglement voor dc bedevaartgangers......7

Hen woord over de bedevaart naar Brielle. ... 9

Bijzondere regels van de Broederschap.....15

riet lijden en de dood der HH. Martelaars van Gorkim. 18

Tweede gedeelte. Overwegingen en Uebeden.

Novene ter eere van de HU. Martelaren van Gorkim. 33 Overweging op den feestdag der HH. Martelaars van

GorkuM...............51

Misgeleden...............60

Litanie van de HH. Martelaren van Gorkum. . . 90 Gebed op het graf der HH. Martelaren van Gorkum. 94 Gebed om van God door de voorspraak der HH. Martelaren van Gorkum al de genaden te hekomen, die ons ter zaligheid noodig zijn. ....... 100

Geiéd om een zaligen dood.........102

Gebed bm eeile bijzondere gunst........103

Gebed Voor de Kerk................104

Gebed om van God de genade te verkrijgen van een

zdligen \'levensstaat............106

Gebed voor de bekeering van Nederland. .... 107 Gebed voor de levende en overledene leden der Broederschap. ..............108

Gebed om zich zelven en zijn gezin te stellen onder

de bescherming der HH. Martelaars.....111

Gebed tot een der HH. Martelaars, wiens naam men

draagt...............112

Litanie der allerh: Maagd en Moeder Gods Maria. 114 Antiphonen ter eere van de II. Maagd. .... 117

-ocr page 184-

1j i

bladz.

Gebed tot de Moeder van Smarten.......^

Te Demi.............\' \' 122

Be Profmdis. Ps. ............*

Litanie van alle Heiligen. . ■ • • • \' quot; \' * -.qi

Eerhoete aan het allerheiligst Bart van Jesus. .. •

Derde gedeelte. Gezangen.

1S5

1. Opwekking ter Bedevaart........

2. Feestlied...................

3. Lojlied, \' * \' j..............139

4. Pelqrimslied en bede..........\' X

5. Lied der Nederlandsche Pelgrim. ..... ^

7\'. Kerkhymne: „ Sanctorum mentis.quot; . - - ^

quot; 146

10. Kerkhymne: „ Invicte Martyrquot;.....

/, ]\\.6TKliyVlillgt;fi • )) UU/IO\'yl\'VI IVHV ^

8. Kerkhymne : „ Christo profztsum. ...

9. Kerkhymne: „ Pex gloriose. .....

ö. , Jubellied. . • • • ■ • .t: -^^3

\'. 145 . . .14ö . . .147

iï\'.- \'Kerkhymne; „Deus tuornm.quot;......

151 132

154

155 157

12. Herboetelied.......\'u \'■

13. Verklaring der Pelgrims, dat zij trouw willen

blijven aan de Katholieke geloofsleer, voor wejke

. de HII. Martelaren hun bloed vergoten hebben.

14. Gebed voor de Kerk. . ■ ■ • • • * quot; \'

15. Lofzang en gebed tot de IIH. Martelaren.

16. Aanroeping der HU. Martelaren......

17. Gebed om een zaligen dood.....,,\' , * quot;

18. Litanie van de HH. Martelaren van Gorkum. iD«

19. Smeeklied. . ... ■ ■ 1 (;■gt;

20. Gebed der pelgrims voor Nederland. . . • •

21. Smeekzang tot bekeering der afgedwaalde broeders. Ibd

22. Bij het naderen van Brielle. . ■ • • • quot;

23. Lied op het graf onzer HH. -.,57

24. Opwekking ter navolging der HH. Martelaren. 1^

25. Te Deum laudarms.....\' \' \' ° \' 171

26. Het Sake Regina...........17.2

27. De Profundis.

28. Bij het vertrek uit Brielle.......

-ocr page 185-

L9

12 23 31

35

36

37

39

40

42

43 45 .40 .47 .48 .49

L51 L52 L54 L55

157

158 16(1 162 163

165

166 167 169

171

172

173

-ocr page 186-
-ocr page 187-

L.