-ocr page 1-

;n- .-— \' ^ I

n CONGREGATIE □

. \'quot;V/- .s ■ , ƒ

Mti van den

H. ALOYSIUS VAN; co GONZAGA c#

PATROON DER JEUGD.

Zastert van het Qezelacbap Maria. gc=quot;4quot;—— Joiel.\'l-Bosch. =1^=^;;-

% / I

ILMBBRd, NMotates.

; Vak 16 :.

I \' \'»

i..^a

-ocr page 2-
-ocr page 3-
-ocr page 4-
-ocr page 5-
-ocr page 6-

H. ALOYSIUS VAN GOXZAGA, Patroon der Jeugd.

-ocr page 7-

d\'? J.

\' iA, / öty

HANDBOEKJE $0Z

CONGREGATIE

VAN DKN

O

O

EAloysinsraGflizaga

Patroon der Jeugd. 1 «

O O r-

(/) w c

O) ^ -1

Zusters van het Gezelschap Jezus, Maria, Jozef

\'s=Bosch.

^ 03 O

Uitgave van I , C. (j. Malniberg, Nijmegen.

-ocr page 8-

IMPRIMATUR.

W. H. VAN \'GENNIP

L.ibr. Cens.

Haaren. 3 Julii tS86.

-ocr page 9-

REGELEN

DER

Congregatie van den H. Aloysius,

Patroon der Jeugd.

Art. i.

Het jaar, dat de Eerste H. Communie onmiddelijk voorafgaat, alsmede de eerste jaren, die op het verrichten dier groote handeling volgen, vormen onbetwistbaar een gewichtig tijdperk in het godsdienstig leven des kinds.

Het doel der Congregatie van den H. Aloysius is diensvolgens de kinderen, die zich tot de Eerste H. Communie voor-

-ocr page 10-

— 4 —

bereiden, alsmede hen, die ze reeds gedaan hebben, onder de bijzondere bescherming van dien grooten Heilige te stellen, ten einde zij zich waardig tot dien gewich-tigen dag voorbereiden, of de vruchten daarvan in hunne harten bewaren en vermeerderen.

Art. 2.

Als Aspirante der Congregatie worden enkel opgenomen meisjes, die tien jaar geworden zijn, en den leeftijd van zestien jaar nog niet bereikt hebben.

Art. 3.

De Congreganisten moeten bezield zijn met eene bijzondere godsvrucht tot den H. Aloysius, den Patroon der jeugd, en naar zijn voorbeeld, uitmunten door eene teedere godsvrucht tot de H. Maagd Maria; ten einde volgens het doel der Congregatie, zich door de opneming voor te bereiden, eenmaal waardige kinderen van Maria te worden.

*

-ocr page 11-

Art. 4.

Op de Zondagen zullen zij in de bidplaats vergaderen, en daar eenigen tijd in godsdienstige oefeningen ter eere van de H. Maagd Maria en den H. Aloysius doorbrengen.

Art. 5.

De oefeningen van godsvrucht, die eiken Zondag door de in de bidplaats vereenigde Congreganisten gedaan worden zijn :

I. De I.ofz. Veni Creator, bl. 19.

II. De Litanie van Lorette met de An-tiphoon volgens den tijd van het kerkelijk jaar bl. 22.

III. Een godsdienstig lied.

IV. De onderrichting.

V. Het gebed ; Sterk o God. wat enz. bl- 33-

A I. De Litanie van den H. Aloysius met het gebed, om de deugden van den H. Aloysius te verkrijgen, zie bl. 33.

-ocr page 12-

VII. Het gebed : o Engel Gods enz., zie bl 39.

VIII. Een godsdienstig lied.

XI. Op het einde :

v. De Goddelijke hulp blijve altijd met

ons.

r. Amen.

v. Geloofd zij Jesus Christus. r. In alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Art. 6.

Op den eersten Zondag der maand zullen de Congreganisten op het einde der oefeningen een Patroonheilige trekken, terwijl de directrice den algemeenen Patroon voor die maand zal aanwijzen, en zich door het gebed : Bid voor ons H. N. N. enz., zie blz. 40, met alle Congreganisten onder zijne bescherming stellen. Art. 7.

De leden der Congregatie zullen dagelijks bidden het gebed :

O groote Heilige enz., zie blz. 39.

-ocr page 13-

Art. S.

])e Aspiranten moeten, vóór zij tot de plechtige opdracht worden toegelaten, blijken geven, dat zij bovenstaand gebed van buiten kennen.

Art. 9.

De plechtige opdracht, die de Congre-ganisten doen, verplicht haar, om met meer ijver de bijzondere deugden van den H. Aloysius te betrachten, vooral: de zedigheid, gehoorzaamheid en onderlinge liefde. De H. Mis zullen zij zoo mogelijk dagelijks met groote ingekeerdheid des harten en in eene eerbiedige houding bijwonen, hierin het voorbeeld volgende van haren Patroon, den H. Aloysius.

Art. 10.

De ware Christelijke liefde zal de ver-eenigingsband dezer Vergadering zijn. Allen zullen zich beijveren, om alle on-eenigheid te voorkomen, en nimmer twist te zoeken of te krakeelen.

-ocr page 14-

Art. i i.

Om aan dit alles steeds getrouw te zijn, zullen zij zeer nauwkeurig de Voorschriften der Congregatie naleven. Vooral zij, die eene bediening in de Congregatie bekleeden, moeten in alles den anderen leden ten voorbeeld strekken.

De Kiezing.

Art. i 2.

Als allen vergaderd zijn, zal men bidden of zingen den Lofzang : Kom Schepper Heilige Geest, enz. zie blz. 19. Elke Congreganiste schrijft in stilte voor zich alleen den naam dergene op, die zij voor God waardig oordeelt, tot Prefecte te worden gekozen: de Kosteres haalt de briefjes geregeld op — vervolgens ziet de Directrice na. wie der leden de meeste stemmen heeft. Daarna wordt de keuze geproclameerd, en de nieuw gekozen

-ocr page 15-

Prefecte bekend gemaakt met de plichten, die zij als zoodanig te vervullen zal hebben. Daarna knielt zij voor liet beeld van den H. Aloysius neder, en spreekt het volgende gebed :

_ H. Maagd Maria, Moeder van Jesus, Koningin der Engelen, bijzondere beschermster van den H. Aloysius, onzen Patroon, ik bid U, verkrijg mij de genade, om mij zoo eerbiedig in liet gebed, zoo godsdienstig, zoo gehoorzaam, zoo liefderijk te gedragen, dat ik waardig mijne plichten als Prefecte der Congregatie ver-vulle, en allen die hier tegenwoordig zijn, steeds door een goed voorbeeld te stichten,\'

H. Aloysius, bijzondere Beschermer der jeugd, ik stel mij met al mijne Mede-genooten onder uwe H. Bescherming, zegen ons, en verkrijg ons eene vurige liefde tot Jesus, Maria en lozef.

De kiezing geschiedt voor een jaar; hij overlijden of verhindering der Prefecte,

-ocr page 16-

- i o--

neemt de eerste Assistante /hire bediening waar.

Art. 13.

Nadat de Prefecte gekozen en geïnstalleerd is, worden op dezelfde wijze vier Raadsleden gekozen, aan wie de verschillende bedieningen der Congregatie nl. die van: Assistante, Kosteres, Schat-bewaarster en Portierster door de Directrice zullen worden opgedragen; vervolgens wordt de Lofzang ..Te Deumquot; gebeden.

Bij ontstentenis van eene der Raadsleden, wordt door de Directrice een nieuw Raadslid benoemd 71001\' den tijd, die tot de eerstvolgende kiezing nog moet verloopen.

rSb

-ocr page 17-

— II —

PLICHTEN DER LEDEN

die met eene bijzondere bediening in de Congregatie belast zijn.

De Prefecte.

Art. 14.

De Prefecte, door eene algemeene stemming der Congreganisten tot deze waardigheid verheven, zal zich bijzonder toeleggen, om in alles en voor allen een voorbeeld van alle deugden te zijn. vooral van gehoorzaamheid en van eerbied gedurende het gebed.

Art. 15.

Zij zal alles wat de Congregatie aangaat nauw ter harte nemen; dikwijls voor de Leden bidden, vooral gedurende het bezoek bij het Allerheiligste Sacrament, dat zij minstens driemaal in de week zal doen.

-ocr page 18-

Art. i6.

Zij zal toezien of allen de medaille dragen.

Art. 17.

Alle maanden zal zij nazien, of de boeken behoorlijk worden bijgehouden, en zoo dikwijls als men het noodig oordeelt, zal men raad houden.

De .Assistante.

Art. i 1.

Deze zal zich toeleggen op alles, wat aan de Prefecte is aanbevolen, en met haar alle verplichtingen deelen.

De Prefecte en Assistante zullen steeds innig vereenigd zijn, en elkander dikwijls tot de oefening tier deugd en het gebed aanmoedigen.

Art. 19.

Zij zal in de vergadering de medailles rondgeven.

-ocr page 19-

De schatbewaarster.

Art, 20.

_ Deze is belast alle aanteekeningen der Vereeniging te doen; zij houdt twee boeken.

Het iste bevattende den naam van elke Congreganiste, den datum harer intrede en dien der opdracht.

Het 2 de ai hetgeen in de Vergadering wordt besloten en goedgekeurd.

De Kosteres.

Art. 21.

Deze zal groote zorg dragen voor al hetgeen aan de Congregatie behoort, en zorgen, dat de kaarsen in tijds ontstoken zijn.

De Portierster.

Art. 22.

Deze zal trachten steeds de eerste in

-ocr page 20-

— 14 —

de, bidplaats te zijn, en nauwkeurig letten, of allen zich geregeld naar hare plaats begeven ; zij zal de boekjes rondgeven en wel toezien, of ze behoorlijk gebruikt worden. Hiervan is zij verplicht rekening te geven aan de Directrice.

Art. 23.

Wanneer iemand verlangt opgenomen te worden onder het getal der Congrega-nisten van den H. Aloysius, zal zij haar verlangen aan de Directrice voorstellen, die daarvan de Prefecte en de Assistante zal kennis geven.

Art. 24.

Als de aspirante gedurende twee maanden getrouw de vergadering heeft bijgewoond, zal zij met goedvinden van den Raad tot de plechtige opdracht worden toegelaten.

-ocr page 21-

De Opdracht.

Art. 25.

De aspirante moet wel herinnering houden, dat, terwijl zij de Formule harer Opdracht uitspreekt, Haar H. Beschermer hare verlangens voor tien Troon van God brengt, en zij zeker zal verkrijgen, wat zij vraagt.

Onder het zingen van een godsdienstig lied, verlaat zij, begeleid van eene dei-jongste Congreganisten en eene versierde kaars dragende, hare plaats, en knielt voor het beeld van den H. Aloysius neder.

De Prefecte zegt: Tot meerdere eer en glorie van God, tot welzijn dezer Ver-eeniging wordt gij heden gesteld on dei-het getal der Congreganisten van den H. Aloysius.

Vervolgens spreekt de Congreganiste de Formule der Opdracht uit. quot;

-ocr page 22-

Formule der Opdracht.

Heilige Aloysius, machtige Voorspreker bij God, ik N N. verkies U heden, voor geheel mijn leven voor eenen bijzonderen Patroon. Geleider en Beschermer van mijne ziel en mijn lichaam, van mijne gedachten, woorden en werken, van mijne verlangens en genegenheden, van mijnt, eer en goederen, van mijn leven en dood. Ik neem mij vastelijk voor, uwen heiligen naam te verheffen, en uwe eer te bevorderen, zooveel het mij mogelijk zal zijn. Ik bid U dan vurig, ontvang mij voor uwe eeuwige dienares: help mij in al mijne werken, en verlaat mij niet in het uur van mijnen dood. Amen.

Arï. 26.

Jaarlijks zullen de Congreganisten hare Opdracht plechtig hernieuwen, en wel op den Zondag onder het octaaf van het feest van den H. Alovsius, 21 Juni. Deze

-ocr page 23-

— \'7 —

dag zal haar immer dierbaar blijven, en zoo het gevoegelijk kan geschieden, zullen zij dien heiligen door het ontvangen der H. Communie.

Art. 27.

Alle (.hie maanden zullen de reglementen duidelijk worden voorgelezen, alsmede de besluiten, die in de Vergadering genomen zijn.

Art. 28.

Zij, die den vereischten leeftijd bereikt hebben om tot de Congregatie der H. Maagd over te gaan, zullen, door de Prefecte begeleid, voor het beeld van den H. Aloysius neergeknield, het volgende dankgebed uitspreken.

O mochten toch allen wel begrijpen hoe voordeelig de bijstand van den H.\' Aloysius is ! Met welke liefde zouden zij trachten zich steeds als ware Congrega-nisten van den H. Aloysius te gedragen.

2

-ocr page 24-

— i8 —

Dankgebed aan den H. Aloysius.

Met innige vreugde des harten erken ik, H. Aloysius, dat gedurende de jaren, die ik het geluk had, lid der U toegewijde Congregatie te zijn, ik door uwe machtige voorspraak vele en groote gunsten van den Hemel heb ontvangen. Uil de volheid van mijn kinderlijk gemoed betuig ik U daarvoor mijn nederigen dank, U tevens smeekende, mij steeds uwe bescherming te blijven verleenen, en mij de uitstekende genade te verwerven van een waardig kind van Maria te worden. Amen.

-ocr page 25-

LOFZANGEN en GEBEDEN.

die in de Congregatie gebruikelijk zijn

Veni Creator Spiritus.

L O FZ A N (J.

Kom, Schepper Geest, daal op ons neer Bezoek \'t gemoed der uwen weer; Vervul met bovenaardsche kracht, De harten door U voortgebracht.

Gij, Wien men den Vertrooster noemt Des Allerhoogsten gave roemt. De levensbron, vuur. liefdegloed En zoete zalving voor \'t gemoed.

-ocr page 26-

Gij, zevenvoudig gavenpand, De vinger van Gods rechterhand, Die \'s Vaders waar Beloofde zijt Een tong met talengaaf verblijdt.

Maak, dat de zinnen \'t licht bestra; Uw liefde in aller harten daal ! En gij ons lichaam \'t allen tijd Een steun in zijne zwakheid zijt.

Drijf ver den vijand van ons heen. Verleen ook uwen vreê meteen ; Dat door uw leiding zoo behoed, Wij al ontgaan wat schade doet/

I )at elk dooi L den Vader eer Den Zoon ook door U kennen leer En U, hun beider geest altijd. Onwrikbaar in geloof belijd.

Zij God den Vader lof geboón. En zijn uit \'t graf verrezen Zoon, En aan den Trooster, met Hen één Door aller eeuwen eeuwen heen. Amen.

-ocr page 27-

- 2 1 -

V. Zend uwen Geest en zij zullen herschapen worden.

k. En gij zult het aanschijn der aarde vernieuwen.

LAAT ONS BIDDEN.

O God, die de harten der geloovigen door de verlichting van den H. Geest hebt onderwezen; geeft dat wij in den zelfden Geest wat recht is, smaken, en ons altijd in zijne vertroosting verheugen.

\\\\ ij bidden U. o Heer, door de voorspraak der H. Maria, altijd Maagd, bescherm deze vergadering tegen allen tegenspoed. en van ganscher harte voor LI nedergeworpen, bevrijd haar genadig van alle listen der vijanden.

\\\\ ij bidden U, o Heer, voorkom onze werken door den invloed uwer genade, en voltrek ze door uwe medewerking, opdat al onze gebeden en handelingen, altijd van U beginnen en eenmaal door

-ocr page 28-

U begonnen, ook door U voltrokken worden. Door onzen Heer Jesus Christus uwen Zoon. die met U leeft en heerscht in de eenheid van denzelfden H. Geest, God in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

--.—

LITANIE

VAN

Onze L. Vr. van Lorette

Heer, ontferm U onzer !

Christus, ontferm U onzer !

Heer, ontferm U onzer !

Christus, hoor ons !

Christus, verhoor ons !

God, Hemelsche Vader, ontferm U onzer ! God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer!

God Heilige Geest, ontferm U onzer!

-ocr page 29-

Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm

U onzer!

Heilige Maria, bid voor ons !

Heilige Moeder Gods, bid voor ons ! Heilige Maagd der Maagden, bid voor ons 1

Moeder van Christus,

Moeder der goddelijke genade, , Allerreinste Moeder,

Allerzuiverste Moeder,

Onbevlekte Moeder,

Ongeschonden Moeder, cr

Minnelijke Moeder, ^

Wonderbare Moeder, lt;

Moeder des Scheppers, o

Moeder des Zaligmakers, 0

Allervoorzichtigste Maagd, g

Eerwaardige Maagd,

T .ofwaardige Maagd,

Machtige Maagd,

Zachtmoedigste Maagd,

Getrouwe Maagd,

Spiegel der rechtvaardigheid, ,

-ocr page 30-

— 24 —

Zetel der Wijsheid,

Oorzaak onzer blijdschap,

Geestelijk vat,

Eerwaardig vat,

Voortreffelijk vat van godvruchtigheid.

Verborgen roos.

Toren van David,

Ivoren Toren,

Gulden huis,

Arke des verbonds.

Deur des hemels.

Morgenster,

Behoudenis der zieken.

Toevlucht der zondaren.

Troosteres der bedrukten.

Hulp der Christenen,

Koningin der Engelen.

Koningin der Aartsvaders,

Koningin der Profeten,

Koningin der Apostelen.

Koningin der Martelaren,

Koningin der Belijders,

Koningin der Maagden,

-ocr page 31-

Koningin aller Heiligen, bid voor ons! Koningin zonder vlek ontvangen, bid voor ons 1

Koningin van den Allerheiligsten Rozenkrans, bid voor ons!

Lam Gods, hetwelk de zonden der wereld

wegneemt, spaar ons Heer! Lam Gods, hetwelk de zonden der wereld

wegneemt, verhoor ons Heer! Lam Gods, hetwelk de zonden der wereld

wegneemt, ontferm U onzer Heer! Christus, hoor ons!

Christus, verhoor ons!

Heer, ontferm U onzer!

Christus, ontferm U onzer!

Heer, ontferm LI onzer!

Onze Vader, enz. Wees gegroet, enz.

Tot uwe bescherming nemen wij onze toevlucht, heilige Moeder Gods, versmaad onze smeekingen niet in onzen nood, maar verlos ons te allen tijde van alle gevaar, o roemwaardige en gezegende

-ocr page 32-

Maagd, onze Middelares, onze Voorspreekster, verzoen ons met uwen Zoon, beveel ons aan uwen Zoon, vertoon ons aan uwen Zoon.

Bid voor ons, heilige Moeder Gods!

Opdat wij der beloften van Christus waardig worden.

Wij bidden U, o Heer, stort uwe genaden in onze harten, opdat wij, die dooide boodschap des Engels, de menschwor-ding van Christus uwen Zoon gekend hebben, door zijn lijden en kruis tot de heerlijkheid der verrijzenis gebracht worden door denzelfden Christus onzen Heer. Amen.

ANTIPHONEN.

Vit// den Advent tot Maria Lichtmis.

Alma Redemptoris Mater.

Verheven Moeder des Verlossers, die voor ons een open poort des hemels, een sterre der zee zijt.

-ocr page 33-

Kom het vallend volk, dat wenscht op te staan, te hulp.

Gij, die tot verbazing der natuur uwen ! leiligen Schepper hebt gebaard, Maagd te voren en Maagd daarna.

O, neem dien groet uit Gabriels mond, en ontferm U over de zondaars.

v. De Engel des Heeren heeft Maria geboodschapt.

r. En zij heeft ontvangen van den H. Geest.

LAAT ONS BIDDEN.

Wij bidden U. Heer, stort uwe genade in onze harten, opdat wij, die dooide boodsch\'ap des Engels de menschwor-ding van Christus, uwen Zoon, gekend hebben, door zijn lijden en kruis tot de glorie der verrijzenis gebracht worden door denzelfden Christus, onzen Heer. Amen.

Heilige Maria, zonder zonden ontvangen : Bid voor ons.

-ocr page 34-

I-au Kerstavond tot Maria Licht mis het vers en Gebed veranderen ah volgt

v. Na het baren zijt gij een onge schonden Maagd gebleven.

r. Moeder van God, wees onze voorspraak.

LAAT ONS BIDDEN.

O, God, die door de vruchtbare maagdelijkheid der H. Maria, de gave dei eeuwige zaligheid aan liet ménschelijk geslacht hebt verleend, wij bidden u verleen ons, dat wij de voorspraak van haar mogen gevoelen, door wie wij verdiend hebben den oorsprong des levens te ontvangen, onzen Heer Jezus Christus uwen Zoon. Amen.

Heilige Maria, zonder zonde ontvangen : Bid voor ons.

-ocr page 35-

V,ru Maria Lichtmis tot Witten Donderdag

Ave Regina Coelorum.

Wees gegroet, Koningin der Hemelen ; wees gegroet, Vorstin der Engelen.

Wij groeten u, o reine Stam ; wij groeten u, o Hemelpoort, waaruit voor de wereld het licht is ontsproten.

Verblijd u, glorierijke Maagd, dieschoon zijt boven allen.

Wees gegroet, o Hoog verheerlijkte, en bid Christus voor ons.

v. Gedoog, dat ik u love, hei li se Maagd.

R. Geef mij sterkte tegen uwe vijanden.

LAAT ONS BIDDEN.

Barmhartige God, wil onze zwakheid ondersteunen, opdat wij, die de gedachtenis der Heilige Moeder Gods vieren, door den bijstand van hare voorspraak

-ocr page 36-

uit onze zonden mogen opstaan. Door denzelfden Christus onzen Heer. Amen.

Heilige Maria zonder vlek ontvangen : Bid voor ons.

Van Paschen tot //. Drievuldigheids-\'/.on dag:

Regina Coeii.

Verblijd u, Koningin des Hemels, alleluja.

Want dien gij waardig geweest zijt te dragen, alleluja.

Is verrezen, gelijk Hij voorzegd heeft, alleluja.

Bid God voor ons, alleluja.

v. Verheug en verblijd u. Maagd Maria, alleluja.

r. Want de Heer is waarlijk verrezen, alleluja.

LAAT ONS BIDDEN.

O (iod, die door de verrijzenis van uwen Zoon, onzen Heer Jezus Christus,

-ocr page 37-

U gewaardigd hebt de wereld te verblijden : wij bidden U, geef dat wij door zijne Moeder, de Maagd Maria, de vreugde van het eeuwige leven mogen verwerven. Door denzelfden Christus onzen Heer Amen.

Heilige Maria, zonder vlek ontvangen ! Bid voor ons.

l\'crn II. Uwevuldighcids-Zondasr tot den Ad7\'ent:

Salve Regina.

Wees gegroet, koningin, Moeder der barmhartigheid.

Ons leven, onze zoetheid en onze hoop, wees gegroet.

1 ot u roepen wij, ballingen, kinderen van Eva.

lot u zuchten wij klagend en weenend in dit dal van tranen.

Welaan dan, onze voorspreekster, wend uwe barmhartige oogen tot ons.

-ocr page 38-

En toon ons, na deze ballingschap, de gezegende vrucht uws lichaams, Jezus, o Meedoogende, o goedertieren e, o Zoete Maagd Maria!

v. Bid voor ons, Heilige Moeder Gods. r. Opdat wij de beloften van Christus waardig worden.

LAAT ONS BIDDEN.

Almachtige, eeuwige God, die door de medewerking van den Heiligen Geest het lichaam en de ziel der glorierijke Maagd en Moeder Maria tot eene waardige woonplaats van uwen Zoon hebt bereid ; geef dat wij. die ons in hare gedachtenis verblijden, door hare goedertieren voorspraak van alle aanstaande kwaad en van tien eeuwigen dood bevrijd worden.

Door denzelfden Christus onzen Heer. Amen.

Heilige Maria, zonder zonde ontvangen. Bid voor ons.

-ocr page 39-

oo

Gebed na de Onderwijzing.

v. Sterk, o God ! wat gij gewrocht hebt in ons.

R. Van uit uwen heiligen tempel te Jeruzalem.

LAAT ONS BIDDEN.

Verleen ons, o Heer! den bijstand uwer genade, opdat wij, al wat gij ons door uwe verlichting hebt leeren kennen, door uwe hulp ook mogen volbrengen, Door Christus onzen lieer. Amen.

LITANIE

VAN

DEN H ALOYSIUS

Heer, ontferm U onzer !

Christus, ontferm U onzer!

Heer, ontferm U onzer !

-ocr page 40-

— 34 -

Christus, hoor !

Christus, verhoor ons 1

(iod. hemelsche X\'ader, ontferm U onzer!

God. Zoon, Verlosser der wereld, ontferm

U onzer !

(iod, H. Geest, ontferm U onzer! H. Maria, beschermster van den H. Aloy-sius, bid voor ons.

H. Aloysius,

H. Aloysius, verrijkt met de zegeningen des Heeren,

H. Aloysius, vervuld met den H. Geest. H. Aloysius, «aardige belijder van ^ Jesus Christus. £

H. Aloysius, godvruchtige aanbidder lt; van het Allerheiligste Sacrament 8 des Altaars, c

H. Aloysius, getrouwe dienaar der =

H. Moeder Gods,

H. Aloysius, edelmoedige verachter

der wellusten dezer wereld, H. Aloysius, voorbeeld van het volmaakte leven,

-ocr page 41-

H. Aloysius, voorbeeld van ootmoedigheid,

H. Aloysius, minnaar der armoede,

H. Aloysius, volmaakt in gehoorzaamheid,

H. Aloysius, wonderbaar in verduldigheid,

H. Aloysius, zeer machtig in den Hemel,

H. Aloysius, verdrijver der helsche geesten,

11. Aloysius, eer en luister der jeugd,

H. Aloysius, beschermheilige der scholieren,

H. Aloysius, navolger van het evangelisch leven,

H. Aloysius, spiegel der maagden,

H. Aloysius, genezing der kranken,

H. Aloysius, luister en sieraad dei-Sociëteit van Jezus,

H. Aloysius, klaarblinkend licht der H. Kerk,

H. Aloysius, vermaard door menigv

-ocr page 42-

dige mirakelen, bid voor ons. Lam Gods, dat de zonden der wereld

wegneemt, spaar ons Heer.

Lam Gods, dat de zonden der wereld

wegneemt, verhoor ons Heer. Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, ontferm U onzer Heer. Bid voor ons, H. Aloysius.

Opdat wij waardig worden der beloften van Christus.

LAAT ONS BIDDEN.

God, uitdeeler der hemelsche gaven, die in den heiligen jongeling Aloysius eene wonderbare onschuld van leven met eene gelijke boetpleging vereenigd hebt, vergun ons door zijne verdiensten en gebeden, dat wij, die hem in zijne onschuld niet gevolgd hebben, hem in zijne boetvaardigheid navolgen. Door Christus, onzen Meer. Amen.

Wij bidden U, o Heer, dat al degenen,

-ocr page 43-

die volgens het voorbeeld van den H. Aloysius trachten te leven in de zuiverheid, waarin uw dienaar zoo wonderlijk heelt uitgeschenen, door de voorspraak van dien Heilige moge bekomen, dat zij hunne ziel en hun lichaam zuiver en onbesmet tot het einde huns levens bewaren. Door onzen Heer Jestts Christus uwen Zoon. Amen.

Gebed om de deugden van den H. Aloysius te verwerven.

Voorzang. Hij was vervuld met goedheid en zachtmoedigheid, zedig in zijne oogen, en van zijne kindsheid af tot het eenvoudig en zuiver in zijne zeden, uitoefenen aller deugden geschikt.

v. Beminnelijke Heilige, wees de dagen uwer ballingschap indachtig.

R. Aanroep voor ons den Heer, en beveel Hem onze dierbaarste belangen aan.

-ocr page 44-

— 38

LAAT ONS BIDDEN.

Beminnelijke Heilige, beschermer der kindsheid, wiens engelachtige zeden mij ten voorbeeld worden gesteld, gewaardig ii van uit de verblijfplaats van glorie en geluk, waartoe Gij gekomen zijt, mij te doen gevoelen, hoe gunstig gij zijt aan hen, die nog jong zijnde, den Heer trachten te behagen, door u na te volgen. Help mij, smeek ik u, tot het verwerven uwer ootmoedigheid, zachtmoedigheid, gehoorzaamheid en zuiverheid: verkrijg mij uw medelijden met de ongelukkigen en uwe teedere en grondige godsvrucht tot Jezus en Maria, opdat ik, onder uwe bescherming, hier op aarde het geluk hebbe de kostbare gaaf van zuiverheid ongeschonden te bewaren en eens met u in den hemel de kroon der onsterfelijkheid moge ontvangen. Amen.

-ocr page 45-

Gebed tot den H. Engelbewaarder.

O Engel Gods, die mijn Bewaarder zijt, bewaar, verlicht, geleid en bestuur mij, flie door de goedheid der Goddelijke Voorzienigheid aan uwe zorgen ben aanbevolen-

(100 dagen nfiaat.)

Gebed tot den H. Aloysius van Gonzaga.

O Groote Heilige ! die met eene engelachtige zuiverheid versierd zijt, aan uwe bescherming beveel ik, hoe onwaardig ik ook zijn moge, de zuiverheid van mijne ziel en mijn lichaam; ik smeek u. door die engelachtige zuiverheid, mijn beschermer te willen zijn bij J ezus Christus, het Lam zonder vlek en bij zijne H. Moeder, de Maagd der maagden. Behoed mij van alle doodzonden: gedoog niet, dat ik mij met eenige onzuiverheid besmette. Als gij ziet, dat ik in bekoring of gevaar ben

-ocr page 46-

van te zondigen, verwijder alsdan van mij de onzuivere gedachten en genegenheden, doe mij denken aan de eeuwigheid en aan Jezus Christus, den Gekruiste, en druk diep in mijn hart een levendig gevoelen der vreeze Gods; dat de goddelijke liefde mij uwe deugden doe navolgen, opdat ik verdiene deelgenoot te worden van uwe blijdschap in den Piemel. Amen.

Onze Vader. II * es Gegroet en Glorie sij den Vader, enz.

(100 dagen aflaat.)

Gebed tot den Maandpatroon.

v. Bid voor ons heilige X. (hier noemt men den algeineenen patroon.)

r. Opdat wij de beloften van Christus waardig worden.

LAAT ONS BIDDEN.

O God, die ons elke maand een der

-ocr page 47-

— 4i —

Hemelingen tot beschermer aanwijst, verleen ons genadig, dat wij allen door de voorspraak van den heiligen N., dien wij voor deze maand als beschermer van uwe goedheid ontvangen hebben, alsook onze ouders, onze vrienden en vijanden, den krachtigen bijstand uwer genade mogen ondervinden, en door uwe hulp gesterkt, ook de deugd, welke hij ons door zijn voorbeeld geleerd heeft, mogen beoefenen. Door Christus onzen Heer. Amen.

.A/s het Alaandbriefje een Geheim aangeeft in plaats van een JJeilige kan men het volgend gebed lezen:

Almachtige eeuwige God, geef ons door het geheim .... vermeerdering van geloof, hoop en liefde, en opdat wij waardig worden te verkrijgen wat Gij belooft, doe ons beminnen, wat Gij gebiedt, door Christus, onzen Heer. Amen.

-ocr page 48-

Aan Jezus, Maria en Joseph,

bij gelegenheid van de opdracht.

Knielt, kind\'ren. neer en laat ons loflied

[galmen

In tegenwoordigheid van het Heraelsch

[hof.

Al hebben wij geen dichterlijk\' psalmen, Onze opdracht geeft ons overvloed van

[stof,

Rf.freix :

Onze opdracht is verzegeld,

Wij zijn den Heer gewijd !

Jezus I Maria ! Joseph !

Beschermt ons nu en steeds te allen tijd.

O groote God ! zoo mild in zegeningen. Wij loven U met blijdschap in \'t ge-

[moed.

-ocr page 49-

En faalt ons lied, onz\' Eng\'len zullen

[zingen,

Als ieder onzer dankbaar U begroet.

U, Jezus zoet, beschermer ons gegeven, U reine Maagd, U Joseph Bruidegom, U heilig drietal schenken wij ons leven. En kiezen we als patronen wederom.

Wij smeeken U, Jezus, om Uw zegen, Uw voorspraak, dierbre Moeder zij ons

[deel.

Bescherm ons, groote Joseph, op ons

[wegen.

Wij vragen veel, maar immers niet

| te veel.

[So

-ocr page 50-

— 44 —

Het H. Hart.

Sterv\'ling vindt gij hier beneden D\'echte bron van liefde niet,

O ! dan wendt gij wis uw blikken

Naar het Hart van Jezus niet.

Vindt gij geen troost in :t lijden ?

Vindt gij hier geen heul in smart! O dan gingt gij \'t nimmer zoeken,

Sterv\'ling in dat Godd\'lijk Hart. (bis.)

Ach, bezie toch slechts de wonde.

Arme bann\'ling, van dat Hart, En gewis een zoete vreugde

Lenigt hier de felste smart.

Voor wien vloeit die laatste druppel ?

Voor wien is dat Hart doorboord ? Ach ! voor mijne en uwe zonden

Heeft een zwaard dat Hart doorboord. (fiisj Ja, voor ons ook vlamt de liefde

Waarvan \'t Godd\'lijk Harte blaakt. Want naar redding uit de zonden Heeft dat Godd\'lijk Hart gehaakt!

-ocr page 51-

— 45 —

Sterv\'ling zoudt gij dan nog vreezen, Als gij \'t Hart van Jezus ziet ?

Bamvling, zoudt gij dan nog vreezen Daar dat Hart slechts troost u biedt

{bis.)

Zoudt gij nog dat Hart bedroeven, Kind\'ren, dat van liefde gloeit ?

Hebt gij niet voor Christus over, Dat zijn liefde u aan Hem boeit?

Ja, mijn Jezus ! \'k wil U minnen ; \'k Schenk U liefde voor liefde weer.

\'k Wil U gansch mijn leven wijden. Lijden, sterven tot uw eer! {Ins.)

WEES GEGROET.

Wijze : No. 4.

Wees gegroet, vol van genade, O. Maria, Moedermaagd,

Die op een bijzond\'re wijze

Aan den Schepper hebt behaagd

-ocr page 52-

— 46 —

Gij die onder alle vrouwen Uitverkoren zijt geweest,

Om den Zoon van God te baren Door de kracht van Zijnen geest.

Met U zij de Vrucht gezegend,

Die uw maagdelijke schoot

Aan het nienschdom heeft geschonken. Tot verlossing van den dood.

o Maria, om uw deugden

Thans verheven bij Gods troon.

Moeder Gods, stort uw gebeden Voor ons. zondaars, bij uw\' Zoon.

Bid, terwijl we in zielsgevaren Zwerven in dit aardsche dal;

Bid voor ons in \'t uur bijzonder, Als de dood ons naken zal.

Bied, o Moeder, bied uw\' kinderen Zoo uw liefderijke hand.

Dat zij veilig dan vertrekken Naar het Hemelsch Vaderland.

-ocr page 53-

— 47 —

Amen, Amen ! het geschiede,

Wat ons kinderhart U vraagt: O ! dan juichen we eeuwig, eeuwig-Met U, glorierijke Maagd.

Lofzang en Opdracht

aanquot; het

M. HART VAN MARIA.

Wijze: No. 42.

O Maagd, o schoonheid nooit volprezen, O Moeder van \'t oneindig Wezen,

Wat luister schittert voor uw troon ! De Seraf, aan zich zelf onttogen,

Juicht, voor uw grootheid neergebogen : O Koningin, wat zijt gij schoon !

Al mist, Maria, \'t aardsche duister. Het schouwspel van uw grooten luister. Ons koestert toch uw liefdegloed.

-ocr page 54-

- 48 -

Ta, de Engel roeme uw\' heerlijkheden ; Wij juichen, jub\'len hierbeneden :

Maria, o wat zijt gij goed !

Dank, dank voor zooveel liefdedaden. Voor zooveel duizende genaden.

Gevloeid door uwe liefdehand ! Ontvang voor al die zegeningen,

Maria van uw lievelingen

Hun hart tot eeuwig onderpand.

O Moeder, altoos even teeder, O, schouw met welgevallen neder

Op \'t offer van uw dierbaar kroost. Schrijf in uw hart ons aller namen ! Neem in uw hart ons harten samen ! Dan 1 Moederlief, zijn wij getroost.

Dan mogen vrij de winden tieren, De bliksems door het luchtruim zwieren.

En monsters hollen door de zee ; Vergeefs hun razen, hunne woede: Wij zeilen, onder uwe hoede Beveiligd naar de Hemelreê.

-ocr page 55-

— 49 —

Daar zal geen vrees ons harte klemmen; Daar zingen wij met blijde stemmen,

Geschaard om uwen zegetroon, Uw naam tot lof en God ter eere. Maria, Moeder van den Heere :

Wat zijt gij goed ! wat zijt gij schoon

Heilige Maria, Moeder Gods.

Maria leev\'! (bis) Wat pracht van zege-

[ningen

Omringt de ziel dier onbevlekte Maagd ! Maria leev\'! (bis) de roem der Heme-

[lingen,

De Moeder Gods, die \'t Kindje\'Jezus [draagt, (bis.) (Koor bis.)

Refreix : Maria leve

Met God haar Kind 1 (Solo)

Leve Maria,

Die ons als Moeder mint.

4

-ocr page 56-

Maria leev\' ! in Haar gaf God de Heere Aan \'t Christendom een beeld van heiligheid ;

Maria leev\' ! dat ieder Haar vereere, Haar roeping heeft God\'s weld aan ons

[bereid.

Maria leev\' ! ziet Christ\'nen, al de ellende Van \'t Betleem, waar Jezus Kindje wordt; Geen wanhoop, neen 1 wat wee God ons

[ook zende. Wat droefheên in ons hart de Heer ook

[stort!

Maria leev\'! ziet hoe Herodes woede Haar door de kou des guren winters

[jaagt;

Ziet, hoe haar hart van moedersmarten

[bloedde.

Als Tezus aan het kruis van weedom

-ocr page 57-

Maria leev\' ! het toonbeeld aller deugden, De spiegel van des Christen heiligheid, Maria leev\' 1 in smarten en in vreugden Hebt gij, o Maagd, mij kalmte voorbe-

[reid.

Maria leev\'! zou ik haar ooit verlaten ? \'k Was liever dood, en lag in \'t duister

[graf;

W ant, zonder Haar, wat zou mij het

[leven baten Neen, God ! breek eer den draad mijns

[levens af!

Maria leev\' I \'k zal in haar liefde leven ; Met haar vereend, vrees ik noch dood

[noch pijn ; De laatste zucht, die op mijn lip zal

[zweven,

Zal liefdezucht voor U, Maria ! zijn.

-ocr page 58-

FEESTZANG.

op de beeltenis van den heiligen Joseph.

Dat Joseph leev\' ! zijn schoone beelt\'nis

[leve,

Die tot ons hart de zuiv\'re waarheid

1 spreekt!

Dat Joseph leve, en \'t Kindje Jezus geve Gehoor aan \'t lied, dat om zijn zegen

[smeekt!

(Koor.)

Dat Joseph leve.

Wiens beeltenis Zoo rijk aan vormen En onderricht is !

Dat Joseph leev\'! rt Geloof geeft aan zijn

| blikken

Een zekerheid, die bovenwereldsch is ; \'t Geloof in God doet voor geen leed hein

[schrikken ;

-ocr page 59-

Ik lees zijn moed in heel zijn\' beeltenis. Dat Joseph leve ! enz.

Dat Joseph leev\'! Verheven zijn de

[zorgen,

Die hij aan \'t Kind als Voedstervader

[gaf;

Die groote les ligt in zijn beeld ver-

| borgen.

En daalt in ernst op u, o Vaders ! af. Dat Joseph leve! enz.

Dat Joseph leev\'! Dat Joseph ons be-

[scherme !

Om met geduld Gods wegen te betreen, Dat Joseph leve, en Jezus zich ontferme, Die om ons heil met Joseph hèeft ge-

[leên !

Dat Joseph leve ! enz.

cSo

-ocr page 60-

— 54 -

Tot den H. Aloysius van Gonzaga.

Wijze: No. 16.

i.

Daalt, Êng\'len, daalt uit \'t Hemelsch hof. Met snaargeluid en zege van sn : Een ander engel vraagt uw lof. Een engel uit het dal der tranen. Als Noë\'s duif, vloog hij :t gevaar Van de ongestuime wereld over;

Zingt zijnen lof met ons te gaar. En kroont zijn hoofd met gouden loover.

Hij treedt manhaftig met den voet, Der wereld valsche wellustrozen ;

Voor ijd\'len roem van Vorst\'lijk bloed, Heeft hij de doornenkroon verkozen. De leliebloem van zuiverheid Zal hij met doornenschut behoeden ; Met geesels van boetvaardigheid Zijn maagd\'lijk vleesch gestaag bebloeden.

-ocr page 61-

O, Aloysius, gij waart Ken van Maria\'s lievelingen : Ken zuiv\'re engel reeds op aard\', Het voorbeeld aller jongelingen. Indien wij uwe zuiverheid Niet volgden op zoo hooge trappen, Verkrijg, dat we in boetvaardigheid Kloekmoedig nagaan uwe stappen.

4.

Kang had zijn hart naar U verzucht,

0 opperst Goed, dat wij ook hopen !

1 )e ziekte geeft hem volle vlucht Kn doet de Engelzalen open 1 Rijk voor den hemel in zijn lent\'. Laat hij blijgeestig de aarde varen; In korten tijd heeft hij volend :

Telt zijne deugden, niet zijn jaren.

-ocr page 62-

BOODSCHAP VAN MARIA.

Wijze : No. 7.

1.

Maria\'s hart door liefdebrand

Voor \'t menschelijk geslacht verslonden,

Had nauw naar \'t hemelsch vaderland

Haar wensch gevleugeld opgezonden,

Of ziet. met heerlijkheid omstraald.

Uit Sion\'s zaalge lustpriëelen,

Daar komt een engel afgedaald.

Zij schrikt... doch hoort naar zijn hevelen.

2.

DE ENGEL,

Ik groet U, godd\'lijk Heiligdom, O schoonste werk van \'t Alvermogen I De voorbestemde tijd is om.

En de voorzegging is voltogen.

God is met U : uw zuiv\'re schoot. Die den Messias gaat ontvangen.

Zal \'t menschdom redden van den dood Zoo luidt het goddelijk verlangen.

-ocr page 63-

J-

MARIA.

Welhoe ! \'k sta van venvoncTrmg stom : Hoe de Messias zij geboren Uit mij, die Ciod tot Bruidegom Van kindsche dagen heb verkoren ? God is een wellustbron voor mij ; Wat kan mijn harte meerder vragen, 1 Kan in die zoete slavernij Te blijven al mijns levensdagen ?

4-

DE KNGEL.

\'t Is juist daarin, dat God zijn vreugd, Zijn welbehagen heeft gevonden Nu wil Hij Iconen uwe deugd. Uw maagdom zal niet zijn geschonden. En brengt gij den Messias voort, Uw zoet geluk zal nog venneêren.

MARIA.

1 )at mij geschiede naar uw woord 1 Ik ben de dienares des Heeren.

-ocr page 64-

Zij zweeg ; en \'s hemels afgezant Vloog juichend in de hoogte weder Ue heil\'ge Geest, vo! liefdebrand,

Daalt op de maagd der Maagden neder Het lichaam van quot;t Almogend Woord ] s in haar zuiv\'ren schoot ontvangen; In quot;t hemelhof met vol akkoord. Weergalmen nieuwe lofgezangen.

De OulpleMe Outmpis van Maria.

Wijzk; Xo. 28.

1.

Laat ik rustig van U zingen, Schoonste die de Hemel mint: Waardig spreken van de dingen. Die men in U besloten vindt.

Schoon :t verstand niet kan bevatten, Wat ge een waardigheid bekleedt. Haalt men uit verborgen schatten Lof, die lastering vertreedt.

-ocr page 65-

— 59 -

Nooit heeft U tie vloek getroffen. Die den boezen Adam sloeg: Nimmer kondt gij nederploffen In den afgrond. Neen, reeds vroeg Was de vloekwet opgeheven Voor ü, onbevlekte Maagd 1 Die de Bron droegt van het leven Door de Godheid onderschraagd.

3-

Ja, een engel kwam \'t U zeggen, Dat Gij met Gods geest vervuld, (Een geheim niet uit te leggen) Ons een Jezus baren zult;

God zal in U komen wonen, Voorts, als kind aan uwe borst. Opgevoed, zijn\' liefde toonen, Lesschende aller zielen dorst.

4-

Wie dan zoude U schuldig achten Aan de eerste zondesmet r Wat verwarring van gedachten. Die van voorrecht U ontzet,

-ocr page 66-

— 6o —

Als waart gij niet uitverkoren, Van der eeuwen eeuwigheid,

Rein en onbevlekt geboren. Kn tot Moeder-maagd bereid.

5-

Onbevlekte, die wij groeten,

Leer ons, van den vloek bevrijd, 1 )oor berouw de zonden boeten; Help ons in beproevingstijd ; Onder die God welgevallen, 1 ,aat ons eeuwig zijn gesteld. Door Hem, die U boven allen. Als een Moeder heeft gesteld.

Loflied aan Jezus Christus.

Wijze : No. 49.

I.

Als \'t eerste duister breekt, Ontwaakt mijn hart en spreekt: Geloofd zij Jezus Christus !

-ocr page 67-

-— 6i —

Bij al, wat ik begin,

Roep ik met hart en zin: Geloofd zij Jezus Christus!

En wat mijn werk ook zij. Ik zeg er vroolijk bij: Geloofd zij Jezus Christus! Zingt menschenkind\'ren, luid. Zingt jubelend het uit: Geloofd zij Jezus Christus!

3-

Meel \'t aardrijk in het rond Weerklink\' te eiken stond: Geloofd zij Jezus Christus! Als :t licht ten einde spoedt, Zij dit de laatste groet: Geloofd zij Jezus Christus!

4-

In nood en bitt\'re smart, Roep ik met mond en hart: Geloofd zij Jezus Christus! Zingt hemel, aarde en zee

-ocr page 68-

02

Zingt al wat ademt mee; Geloofd zij Jezus Christus !

5-

Als treurigheid mij plaagt. Dan roep ik onversaagd : Geloofd zij Jezus Christus! Bij \'s levens zielsverdriet,

Vind ik mijn troost in \'t lied; Geloofd zij Jezus Christus!

6.

la nog mijn ziele spreekt. Als reeds mij \'t harte breekt: Geloofd zij Jezus Christus! Weerklinke wijd en luid ^ Voor hem eeuw in, eeuw uit! Geloofd zij Jezus Christus!

Voordeelen in de dienst van Maria.

i.

Hoe verrukkend zijn de stonden, Waarop \'t krachtelooze kind

-ocr page 69-

— 63 —

In Maria heeft gevonden Eene moeder, die het mint!

Nu, nu kan \'t zicli stout verzetten Tegen \'s vijands snooden band, En geheel zijn heir verpletten Door Maria\'s onderstand.

SLOTRIJM.

O Moeder, schenk uw kind\'ren Den schoonen zegekrans Van eeuw\'gen hemelglans, Den krans, die nooit zal hind\'ren De roofgezinde tijd.

Die hier ons heil benijdt.

2

Zalig, die te allen tijde Onder haren mantel schuilt; \'t Is vergeefs, dat aan zijn zijde De open afgrond hongerig huilt; Hem zal zij zich Moeder toogen, Hem met gunsten overlaan.

Hem de bitt\'re tranen drogen. Hem doen wand\'len \'s hemelsbaan. O Moeder, schenk, enz.

-ocr page 70-

— 64 —

Voelt gij uw geweten knagen.

Beeft gij. zondaars, voor uw lot Op den laatsten dag der dagen. Hoopt 1 uw\' moeder pleit bij God, Laat de rouw uw harte drukken Breekt den slafelijken band :

En de donder zult ge ontrukken Aan des Rechters gramme hand. O .Moeder, schenk, enz.

4

Hebt ge d\'onschuld ongeschonden En in vollen glans bewaard.

Heeft uw voet het spoor gevonden. Dat ook zij betrad op aard?,

Komt dan hier de voorproef smaken Van de zoete hemelvreugd.

Komt dan vóór haar altijd blaken, \'t Oog gevestigd op haar deugd. O Moeder, schenk, enz,

cSb

-ocr page 71-
-ocr page 72-
-ocr page 73-