ocr page 1
ocr page 2
ocr page 3
ocr page 4
ocr page 5

JESUS IN DE KRIBBE.

VAK—IT No. ^7

BE NIEUWS MAAND

VAN HET

GODDELIJK KIM),

(JA NU AR IJ)

bevattende

eene verzameling schooke OvERWECINGEX, (iu-iiedex en' Voorbeelden, toepasselijk oi' ieiieh DElt 40 dagen van 24 delemher ïüt 2 ke-i1ruari, met bijvoeging van eene novene voor KERSMIS, van versciullendjj akten van devotie en van het ROZENHOEDJE ter eeiie van het Goddelijk Kind,

door

A. if....... K. Pr./quot;

ocr page 6

Oiereenkomstig do bealuiten van Paus TJrbanus VIII verklaren wij, dat wij door het verhaal van de wonderbare gebeurtenissen en feiten van elk soort, welke in dit boekje opgenomen zijn, in geenen deele het oordeel der Kerk willen vooruitloopen, aan welke wij ons van ganscher harte en zonder eenig voorbehoud onderwerpen, veroordeelende, wat zij veroordeelt, en goedkeurende, wat zij goedkeurt.

ocr page 7

VOOIMIEDE.

Door de gunstige ontvangst, welke het voorgaande door mij uitgegeven werkje voor de maand November bij de geloovigen mocht te beurt vallen, vind ik mij aangemoedigd om op den ingeslagen weg voorl te gaan.

Jlel goed vertrouwen bied ik hun heden eequot; Nieuwe Maand van het Kindeke Jesu.i aan. Ik gevoel mij gelukkig, dat ik, gelijk dit bij de Maand November het geval geweest is, ook uu al onze overwegingen en het tneerendeel onzer voorbeelden door de degelijke en godvruchtige werken, welke wij in de geschriften van den II. Alphonsus de Liguorio over dit onderwerp vinden, kan staven.

Voor het overige werd ik ia mijn plan versterkt door het voorbeeld der twee zoo bekende en terecht geachte werken van Mgr. Gaumeen den Eerw. pater Uesjardins. Hunne werken

ocr page 8

IV

waren sums «euu welkome ISulpbron voor mij; de dankbaarheid verplicht mij dit te erkennen.

Moge liet Kind Jesus zich gewaard-gen om met zijne nederige en machtige hand deze bescheiden onderneming te zegenen, welke door het verlangen om zijne goddelijke aanvalligheid meer bekend en geschat te zien is ingegeven.

Dc Schrijver.

ocr page 9

NIEUWE 14MB

van het kindeke Jezus of de maand Januari.

24 DECEMBER.

OYUtnVEGINC. or DEN VOORAYOXD DER MAAND, TOEGEWIJD AAN HET KIND JEZUS.

De grot van Bethleëm.

Inleij)ING. — Stellen wij ons de twee heilige echtgenooten vcor ann den ingang van den armea en kouden stal, waarin Jezus heeft willen geboren worden. Hunne diepe ingetogenheid en bewonderenswaardige onderwerping aan den goddelijken wil getuigen voldoende, dat zij begrepen, welk een groot mysterie vervuld stond te worden.

Oveewegikg. — Keizer Augustus had een bevel uitgevaardigd dat elk Romein zich in zijne geboorteplaats moest laten opschrijven, ten einde hierdoor de volkstelling over het gansche keizerrijk gemakkelijk te maken. Jozef en Maria gehoorzaamden aan het keizerlijke bevelschrift. Daar de tijd harer bevalling naderde, moet Maria op dezen weg van Nazareth naar Bethleüm, die vier dagreizen lang, moeilijk en bergachtig was, in het midden van den wiiiter, door regen en

ocr page 10

wind en al de onaangenaamheden van het strenge jaargetijde zeer veel geleden hebben.

Had nu na zulk een langen en moeilijken weg Bethleëm zich nog maar gastvrij jegens de H. Familie betoond!.... Maar zij was arm, en alle gunsten en welwillendheid had men in de stad alleen voor de rijken veil. Te vergeefs zocht Jozef te Bethleëm een onderkomen; overal werd hij afgewezen. .Er was aeifs geen plaats voor hen in de herberg, waarin de andere behoeftigen werden opgenomen.

Alstoen verlieten zij gedurende den nacht de stad, om daar buiten eene schuilplaats tegen de guurheid van het jaargetijde te zoeken. Lar'g zochten zij in het duister. Eindelijk vonden zij een in de rots uitgegraven grot; deze diende tot een beestenstal. Door eene ingeving van haargoddolijken Zoon gaat Maria het eeret er in, terwijl zij tot Jozef zegt: „Wij moeten niet verder gaan. Laten wij in deze grot gaan en daar blijven.quot; „Maar ziet gij niet,quot; antwoordde Jozef, „hoe open deze grot , is, hoe koud en vochtig en hoe het water overal doorzijpelt? Het is een stal .. . Grij kunt er den nacht niet in doorbrengen, er geen schuilplaats vinden, om uwen goddelijken Zoon ter wereld te brengen.quot;— „Ach!quot; antwoordde Maria, „en toph is deze stal het paleis, waarin de Zoon

ocr page 11

7

van den Eeuwigen God geboren wil worden!...quot;

Wat moeten de engelen gedacht hebben, toen zij de Moeder van God deze grot zagen binnengaan, om er zijn en haar kind te baren ? Do kinderen der vorsten worden in prachtige vertrekken geboren. Eeeds vooraf heeft men hun prachtige, met goud en edelgesteenten versierde wiegen, rijke en kostbare windsels bereid. En de Koning der koningen zal niets dan een kouden stal zonder vuur hebben, om in geboren te worden! Hij zal slechts eenige armoedige windsels vinden, om zich mede te bedekken; niets dan een ellendige kribbe met een weinig stroo, om er zijne kleine en teêre leden op te laten rusten!

Oefening. — Met eene vurige voorbereiding morgen tot de H. Tafel naderen.

Geestelijk boeket. — Gelukzalige grot, die het geluk gehad hebt het goddelijk Woord te zien geboren worden! (H. Alphon-bus de Liguorio).

VOOReEELD.

Een heilige dood.

De kardinaal de Bérulle, wiens godsvrucht voor het mysterie der heilige kindsheid van Jezus algemeen bekend is, vroeg onophoudelijk de genade om in Jezus te sterven. Zijn gebed werd verhoord. Den laatsten dag zijns levens het altaar beidommen hebbende,

ocr page 12

8

om het heilige misoffer op te dragen, had hij veel moeite om tot de Consecratie te komen. Op het. oogenblik dat hij zou beginnen viel hij in de armen zijner kinderen neder. Men diende hem in der haast de laatste H. Sacramenten toe, en in den kapel zeiven gaf hij den geest, als een slachtofler in plaats van dat, wat hij ging offeren. (Leven van- den kardinaal de Eêrulle.)

25 DECEMBEE.

OVERWEGING OP DEN EERSTEN DAG DER MAAND.

De Geboorte.

Inleiding. — De grot is overstroomd met licht: het kind Jezus is geboren. Zijne moeder knielt neder, om het te aanbidderi. Jozef, door Maria geroepen, komt toesnellen. De engelen in den Hemel zingen.

Ovehweging. — Toen Maria in den stal was gegaan, begaf zij zich in het gebed, het uur der geboorte afwachtende. Op dit uur ontknoopte zij, tot teeken van eerbied, hare haren en liet ze op hare schouders vallen. Eensklaps omgeeft haar een schitterend licht. Baar hart wordt overstelpt door eene vreugde, die niets van al hetgeen zij tot nu toe gesmaakt had evenaart. Zij slaat hare oogen neder ... O Hemel! wat ziet zij ? .. Op den grond voor haar een

ocr page 13

klein kind, dat zoo schoon, zoo lieftallig is, dat het door liefde venukt. Maar het trilt, het weent, het strekt zijne handjes naar zijne moeder uit, als om te kennen te geven hoe gaarne het in hare armen zou zijn...

Maria wil haar geluk niet alleen genieten. „Kom,quot; zegt zij. Jozef roepende, „kom en zie den Zoon Gods, die geboren is !quot; Jozef snelt toe, en het kind ziende/ knielt hij neder en aanbidt het, terwijl hij tranen stort.

Middelerwijl heeft de H. Maagd eerbiedig haar Zoon opgenomen; zij houdt Hem in hare armen en tracht Hem, door Hem aan haar hart te drukken en met moederlijke kussen te bedekken, te verwarmen. O! welk een teeder gevoel van godsvrucht, van onuitsprekelijke liefde moet zich van Maria meester hebben gemaakt, toen zij het Vleesch geworden Woord, den Zoon van God, die haar eigen Zoon geworden was, in hare armen, op hare knieën zag! Alle geslachten zullen te recht haar zalig noemen, omdat zij onder alle vrouwen was uitverkoren om de moeder van God te zijn! O welk eene vreugde en teederhcid! Zij aanbidt Hem als haren God; zij kust zijne voeten als haren Koning; zij kust zijne wangen als haar kind!

In het geluk van Maria kunnen wij deelen. Het geloof leert ons, dat, als wij commu-niceeren, wij denzelfden Jezus, dien Maria

ocr page 14

10

in den stal van Bethleem aan hare borst drukte; niet alleen in onze armen hebben, maar ook in onze borst en in ons hart. Hij is geboren om zich aan ons allen te geven en ons geheel toe te behooren.

Ach, mijn lieve Jezus! Gij geeft te kennen dat Gij de mijne zijt, omdat Gij geboren zijt om U geheel aan mij to s;even; en zou ik weigeren d.; Uwe te zijn? Neen, neen, mijn welbeminde Heer! ik geef mij geheel aan U en ik bemin U met mijn gansche hart. Ja, o opperste God, eonige liefde mijner ziel! ik bemin TJ. Laat niet toe dat ik mij ooit van U scheide !

Oefening. — Aan heb geluk van Maria denken, als men het geluk heeft tot de H. Tafel te na leren.

Geestelijk boeket. — Een kindis ons geboren! (leaïas.)

VOORBEELD.

Het offleie van godvruelitige zielen gedurende de Kerstdagen.

De H. Maria Mag^alena van Pazzi schreef aan hare religieuzen voor om zich gedurende het feest van Kerstmis aan de voeten van het kind Jezus op te houden, ten einde te doen wat de beesten in den stal van Bethleëm deden ; namelijk Jezus, die van koude beeft, door vurige lofzangen, dankzeggingen en ver-

ocr page 15

zuchtingen van liefde uit hare doorliefde ontvlamde harten te verwarmen. (De H. Alphon-sus de Liguori).

26 DECEMBEE.

OVERWEGING Or D'K TWEEDEN D.VO DER MAAND.

Het goddelijk Kind.

Inleiding. — Stellen wij ons Jesus in de kribbe liggende voor! Bewonderen en aanbidden wij het Kind, dat ons geboren is!

OvEEwiifiiNa. — Het voornaamsto kenteeken, waaraan de herders, volgens de aanduiding des engels, den pasgeboren Messias zouden herkennen, was, dat zij Hem in de gedaante van een kind zouden aantreflen.

Adam kwam als een volwassen man uit Gods tcheppende hand, bedeeld met al de gaven der mensehelijke natuur. Maar de tweede Adam wilde als kind geboren worden. „Hefc is,quot; zegt de H. Petrus Clirysologus, omdat Hij bemind wilde worden, en dat niets zoozeer tot liefde en teederheid opwekt dan de aanvallige gedaante van een kleinkind. Hij kwam niet cp de wereld ora vrees in te boezemen, maar om zich te doen beminnen; van daar dat Hij zich eerst als een zwak en arm kind heeft willen vertoonen.quot;

De H.Bernardus, dit geheim overwegende, roept uit: „De Heer is groot en oneindigen

ocr page 16

12

lof waardig! Maar wanneer ik Jezus be-Bchouw, die zich in den stal van Bethleëra heeft klein gemaakt, dan moet ik er bijvoegen: de Heer ia klein geworden en Hij is eene oneindige liefde waardig!quot;

Ach ! wanneer men met een geloovig hart een God beschouwt, die uit liefde tot de menschen een klein kind geworden is, hoe zou men zich alsdan kunnen onthouden van Hem te beminnen en de gansche wereld daartoe uit te noodigen! De zachtmoedige en serafijnsche Franciscus van Assië riep met een onuitsprekelijk gevoel van vreugde uit, als hij de liefde overwoog, welke Jezus ons door zijne nederige geboorte bewezen heeft: „Mijne Broeders! laten wij het Kind van Belhleëm beminnen! Het is een kind, het spreekt niet, nauwlijks hoort men het in zijne kribbe kreunen; maar dit gekreun is als een liefdekreet, die om wederliefde vraagt!''

Zacht en schuldeloos kindeke Jezus! Gij zijt op de wereld gekomen ook om ons door uwe smarten en uw lijden van uwe zuiverheid mede te deelen. Ik stel mijn ge-heele vertrouwen in uwe verdiensten, en van U is het. dat ik mijne zaligheid verwacht! O mijn Jezus! hecht en keten mij aan U door de banden uwer liefde, want ik bemin U en ik wensch niéts zoozeer als nimmer van uwe liefde gescheiden te worden!

ocr page 17

13

Oefening. — 0?erweeg dikwijls de liefde van Jezua in zijne menschwording!

Geestelijk boeket. — Laten wij het kind van Bethleëm beminnen ! (H. Franciscus van

Assisië).

VOORBEELD,

Een beeld van het kind Jezus.

Pater Z iicchi, een Jezuïet, die eenegroote devotie tot het kind Jezus had, bediende zich van eene beeltenis van het goddelijk Kind tot bekeering der zielen. Hij schonk er eene aan een jong meisje, dat nog onschuldig, maar niettemin tot wereldsche vermaken en ijdelen opschik geneigd was. Op verzoek van pater Zucchi plaatste het meisje, dat zeer veel van muziek hield, het beeldje op haar klavier. Door steeds deze heilige en treilende voorstelling voor bare oogen te hebben, veranderde zij ten laatste zoo geheel en al, dat zij den geestelijken staat omhelsde, waarin zij een volmaakt leven leidde. (H. Alphonsus de Liguorio).

'27 DECEMBER.

ovbrwegiko voor den deedek dag dek maamj.

De Windsels.

Inleiding. — Stellen wij ons het kind Jezus in doeken gewoncien voor!

Oveeaveoino. — Toen hef goddelijk Kind

ocr page 18

44

zijne heilige Moeder had uitgenoodigd om het in hare armen te nemen, wond, zegt de Evangelist Lucdb, Maria het in doeken. Ach hoo grof en ruw zijn die armoedige windsels! Ze zijn koud door de vochtigheid van de grot, en er is geen vuur om ze warm te maken! En Jezus, het lieve kind, gehoorzaamt en geeft zich gewillig in alles over. Zijn hart peinst aan andere banden, die Hem eens zullen aangelegd worden; maar niet door de hand eener moeder: de dag zal komen, waarop dezelfde Jezus ia het hof van Pilatus aan den geeaelpaal gebonden zal worden met harde koorden en met nagelen aan het kruis gehecht. Gaarne duldt hij de banden van Bethleëm, alsof Hij bij voorraad de banden van zijn lijden aanvaart, om ons van de helsche ketenen te bevrijden.

In zijne windsels nauw ingesloten, wendt het lieve Kind zich tot ons; Jezus noodigt ons uit om ons door even nauwe liefdebanden met Bern te vereenigen. Vervolgens wendt Hij zich tot Zijn Vader en zegt: „Vader! de mensch heeft een slecht gebruik van zijne vrijheid gemaakt, hij heeft er zich van bediend om tegen U op te staan, en hij is de slaaf der zonde geworden. Ik ben gekomen om die misdaad uit te wisschen, en daarom is het, dat ik in mijne windsels

ocr page 19

15

en banden behagen schep, Ik breng mijne vrijheid ten offer, om den menach van de slavernij te verlossen.quot;

O liefde, roept de H. Laurentius Justianus uit, gij alleen zijt het, die van een God een gevangene hebt kunnen maken! Hoe machtig moet de liefde van onzen God zijn, om er in toe te stemmen, zich uit liefde tot ons gevangen te doen nemen.

O mijn Jezus! het is dus uit liefde tot mij, dat Gij in die armoedige windsels gesloten hebt willen zijn ! En zou ik nog weigeren om mij aan U te hechten door de banden eener heilige liefde! En zou ik nog den treurigen moed hebben, die banden te verbreken, om wederom een slaaf van den duivel te worden! Neen, neen, ik wil voor immer aan uwe heilige liefde blijven vastgeketend, door mij te onthechten aan alles wat Gij niet zijt. O Maria! gij, die de kleine leden van Jezus in doeken gesloten hebt, bind mij aan uwen goddelijfcen Zoon, opdat nimaier iets mij van Hem scheide!

Oefening. — Aan de windsels van Beth-leëm denken, als men de gedaante zirt, onder welke Jezus in het H. Sacrament des Altaars verborgen is.

Qeestelfjk bosket. — De banden (van Jezus) zijn banden van heil geweest. {En-clesiasticus.)

ocr page 20

16

VOORBEELD.

De gouden ketenen.

Paler Franciscus van den H. Jacobus, een Franciscaan, had dikwijls een vizioen van het kind Jezus. Maar als die dienaar Gods het wilde terughouden, ontsnapte en vluchtte het steeds. De vrome kloosterling deed liefdevolle verwijten daarover aan het kind Jezus, dat hem op nieuw verscheen met gouden ketenen in de hand, alsof het hein wilde te verstaan geven, dat het nu kwam met het voornemen om hem te ketenen ea zich onafscheidelijk aan hem te hechter. Door dit gezicht aangemoedigd, nam de pater de ketenen, deed ze aan de voeten van het kind en drukte het tegen zijn hart. VaE dat oogenblik af meende hij altijd het Kind Jezus, dat zijn gevangene geworden was, in zijn hart te ziec, {Analen der EE. FF. Franciscanen, 15 December?)

28 DECEMBEE.

OViRWEGIKG 01' DEK VIERDEN DAÜ DEIl MAAND.

De Moedermelk.

Inleiding. —■ Welk een schouwspel voor den Hemel: het goddelijk Woord kind geworden en voedsel ontvangende van eene nederige maagd, zijn schepsell

Oveeweoing. — De Zoon öods is mensch

ocr page 21

17

geworden. Hij is onze broeder geworden, en als een van ons: Hij heeft;behoefte aan de moedermelk! Welk een treffend schouwspel 1 Hij, die den menschen ea dieren, die het aardrijk overdekken, voedsel geeft, is zoo klein en zwak geworden, dat Hij wil behoefte hebben aan een weinig melk, om zijn leven te onderhouden. O maagdelijke melk van Maria 1 hoe kostbaar waart gij voor ons, daar gij in de aderen van onzen beminne-lijken Verlosser in bloed overgingfc, en dit bloed later het heilzame bad werd, waarin onze zielen gezuiverd werden! Het is niet alleen om het bloed te verkrijgen, waarmede Hij onze verlossing zou bewerkstelligen, dat Jezus zich vernedert om zich als een van ons te voeden, maar ook om zich voor te bereiden tot spijs onzer zielen ia het H. Sacrament des Altaars. Het lichaam, dat Hij ons in de H. Communie wilde geven, moest van voedsel voorzien worden.

O beminnelijk kind; Iaat mij uitroepen met de vrouw uifc het Evangelie; „Zalig is de schoot, die U gedragen heeft, en de borsten, die Gij gezogen hebt!quot; Ja, gij zijt wel gelukkig, o Moeder van God, het vleesch geworden Woord gevoed te hebben! Geef aan uw kind het voedsel, dat Hij in zijne mensche-lijke natuur wil noodig hebben ! Elke druppel van zijn H. Bloed moet dienen om mijne ziel

2

ocr page 22

18

van li are smetten te zuiveren en haar aan de H. Tafel te voeden. Ach 1 sta toe dat ik mijn kinderlijk vertrouwen vereenig met dit volle vertrouwen, waarmede uw goddelijke ^ Zoon zich aan TJ overgaf, opdat ik eene teedere en vurige godsvrucht tot het kind Jezus en zijne heilige Moeder moge krijgen 1

Oefening. .— In den loop van den dag eenige versterving doen ter eere van de vernederingen van het kind Jezus.

Geestelijk boeket. — Een weinig melk voedt Dem, die alle schepsels voedt, zonder zelfs de kleine vogels te vergeten. (Gezang der Kerk.)

VOORBEELD.

Brandende dorst.

De Eerwaarde pater Franciscus de Piccolomini, achtste generaal der Jezuïeten had eene teedere liefde voor het Kind van Beth-leëm. In eene ziekte door een brandenden dorst verteerd wordende, bood hem de ziekenoppasser het glas aan, waarin de drank was, die moest dienen om zijn verschroeid ver- A hemelte te verfrisschen. Maar toen hij het glas aan den mond gezet had, nam hij het er dadelijk weder af en zeide tot den broeder;

„Laat ons dit aan het kind Jezus geven en Hem dit offer brengen ^

ocr page 23

19

■p

f

29 DECEMBEE.

OVERWEGING 01' DEN VIJFDEN DAG DER MAAM).

Het stroo.

Inleidikg. — De kribbe is met etroo gevuld, en Jezus rust op dit armoedig bed. Bewonderen en aanbidden wij Hem in dezen nederigen wieg.

Overweging. — De arme Moeder van Jezus had geen wieg, om het teeder kind, dat haar geboren was, daarin neder te leggen. Wat nu te doen? Zij raapt een weinig stroo bij elkander, legt dit in de kribbe, waaruit de beesten eten, en op dit harde bed legt zij haar kind.

Waar is het kind, zelfs in de armste gezinnen, dat bij zijne geboorte niets dan het stroo eener armzalige kribbe tot wieg heeft? Het is de legerstede der dieren, en de Zoon van God heeft bij zijne geboorte geene andere! Welk eene vernedering, welk eene les voor onzen hoogmoed!

Maar dit is nog niet alles, en de H. Petrus Damianns leert ons om uit de beschouwing van Jezus, liggende op stroo in eene kribbe, L nog eene andere les te trekken. Waarom,

vraagt zich deze groote kerkleeraar af, von-I den de herders het Kind op etroo liggende

en niet in de armen zijner teedere moeder ? Het was, antwoordt hij, omdat Jezus ; of-P schoon pas geboren, ons de versterving onzer

ocr page 24

20

zinnelijkheid wilde leeren. Het zijn de zinnen en zinnelijke geooegens; die het menschdom in het verderf gestort hadden en oorzaak zijn van de meeste zonden onder hot menschdom. Het Woord daalde uit den Hemel, om ons te leeren die te versterven, het lijden en de ontbering te beminnen, door voor zicli zeiven datgene te kiezen, wat een klein kind het moeilijkst kan uitstaan. Het was dus Jezus zeil, die aan zijne liefderijke en gehoorzame Moeder ingaf om Hem niet in hare armen te houden. Het zou een al te zacht bed voor Hem geweest zijn; Hij wil dat zij Hem op deze harde legerstede legt, waar Hij de koude der grot en het steken van het etroo gevoelt, waar Hij meer lijdt.

Goddelijk Kicd! Gij hebt het stroo voor bed gekozen, om mij van de vlammen der hel te bevrijden, waarin ik misschien zoomenigwerf verdiend heb gestort te worden ! Verleen mii dat ik de geheele uitgestrektheid uwer liefde begrijp en door eene ware getrouwheid aan uw zoeten dienst er aan beantwoord!

Oefening. — De weelderigheid onzer zittingen en legerstedeneenigszins verminderen.

Geestelijk boeket, — Gelukkig stroo,dst tot ligging diende van Hem, die op de vleugelen der Serafijnen gezeten is! H. Alphonsus de Liguorio.)

ocr page 25

21

VOORBEELD.

Do H. Pranciseus van Assisië.

Eens toen deze groote heilige zich in de eetzaal bevond, hoorde hij deze woorden! „En zij legde hem in eene kribbe.quot; „Hoe!quot; riep hij, door eene plotselinge opwelling in liefde tot God vervoerd, uit: „hoe mijn Heer wordt op etroo nedergelegd, en ik blijf zitten!quot; Hij stond op, wierp zich ter aarde en eindigde daar zijn armoedig maal, terwijl hij van verteedering weende bij de gedachte aan de armoede van het kind Jezus te Beth-leëm (H. Alphonsus de Ligiuoro.)

30 DECEMBER.

OVEltWÏOING OP DEN ZESDEN DAG DEK SI A AND.

De Slaap.

Inleiding. — Stellen wij ons Jezus in de kribbe voor!

Oveeweqing. — De kribbe was wel eene harde en koude wieg. Het goddelijk Kind kon dan ook den slaap, dien de natuur, welker zwakheden hij aangenomen had, vorderde, niet gerust smaken.

OI welk een verschil tussehen den slaap van het kind Jezus en dien van andere kinderen ! Hij zelf zegt het in onze heilige boeken: „Ik slaap, maar mijn hart waakt!quot; Zijn lichaam sliep, maar zijne ziel waakte;

ocr page 26

22

want de menschelijke natuur was in Jezus onafscheidbaar van de goddelijke, die noch kon slapen, noch in staat van zinsverdooving verkeeren. Wanneer dan het goddelijk Kind sliep, peinsde zijn hart over al het lijden, tot welks aanvaarding zijne liefde tot de menschen Hem gedurende zijn leven en dood voeren zou. flij dacht aan het armoedig leven zijner kindsheid, aan de ontberingen gedurende zijne ballingschap in Egypte, aan de versmaadheid en doodsangsten van zijn lijden, aan de marteling zijner kruisiging. Dit goddelijk hart waakte dus altijd, en waakte, om zich onophoudelijk als een slach --offer aan den hemelschen Vader aan te bieden, ten einde voor ons de vergeving der zonden en de zaligheid onzer zielen te bekomen.

O lief en heilig Kind! welk eene bekoorlijkheid heeft uw slaap voor mijl Wek mijn welbeminde niet, want zijn hart waakt! Hij waakt en denkt aan mij, zijn arm en vertrouwend schepsel! Engelen des Hemels, getuigen van dezen heiligen slaap! Maria en Jozef, helpt mij, om Jezus voor zooveel liefde te danken! Vraagt Hem, dat Hij mij door de verdienste van dezen god-delijken slaap steeds beware voor den doode-

lijken slaap der goddeloozen, die jammerlijk in den doodslaap der zonde, der verwaar-

ocr page 27

23

loozing van God en zijner liefde gedompeld liggen! Vraagt Hem, dat mijne ziel, geheel los van alle aardsche aanlokkelijkheden, s'eeds in Hem ruste, zonder te grocte vrees van Hem immer te zullen verliezen !

Oeeehing. — Onzen slaap heiligen, door hem te vereenigen met dien van het kind Jezus.

Geestelijk boeket. — Ik slaap, maar mijn hart waakt. (Hooglied.)

VOORBEELD.

De ongestoorde slaap.

Pater Borri verhaalt dat een godvruchtig persoon, die verlangde om zich volmaakt met de deugden van het goddelijk Kind te vereenigen, door de tusschenkomst van zijn voedstervader, den H. Jozef, de genade verkreeg om in den slaap bevrijd te zijn van elke droom en elke voorstelling, die niet zuiver en heilig waren. (Werken van pater Borri.)

31 DECEMBER.

ovehwegijg op di;n zevenden dag dek maand.

De tranen.

Ikleidino — Stille tranen bevochtigen de wangen \an het goddelijk Kind.

Oteewegikg — De H. Bernardus, dit geheim overwegende, riep uit; „Ach ! hoe

ocr page 28

24

zeer verschillen de tranen van Jezus van die van andere kinderen ! De laatsten weenen nit zwakheid en van smart; Jezus weent uit medelijden en uit liefde tot de rnen-schen!quot;

Het is een teeken van liefde, over de ongelukken van anderen te weenen. De Joden, ziende dat Jezus bij het graf van Lazarus weende, zeiden tot elkander: „Ziet hoezeer Hij hem beminde!quot; Toen de engelen de tranen zagen, die Jezus in de kribbe stortte, moeten zij ook tot elkander gezegd hebben: „Ziet hoezeer Hij hen bemind! Ziet hoezeer onze Koning de menseheu he mint; Hij is om ben kind geworden !',

De tranen van Jezus vielen als een weldadige dauw op de arme zondaars: Hij smeekte om genade en erbarming voor hen en stilde de rechtmatige gramschap van den vertoornden hemelschen Vader. Ach! hoe weisprekend moeten de tranen van dit goddelijk Kind onze zaak bepleit hebben! Het verwondert mij niet meer, dat ik de engelen alom hoor verkondigen dat de Heer met de menschen vrede gemaakt en hen in zijne genade aangenomen heeft.

Goddelijk Kind ! hoe zou ik ongevoelig voor uwe tranen kunnen zijn, vooral wan-reer ik in aanmerking neem dat Gij uit liefde en medelijden voor mijne ziel weent!

ocr page 29

25

Hoe zou ik de zonde niet verafachuwen kunnen, die U, mijne lieve Verlosser ! zulke bittere tranen heeft doen storten ! Ach! wel verre van uwe smart door mijne ondankbaarheid en onverschilligheid te vermeerderen, zal ik voortaan zorgen TJ te troosten, door mijne tranen met de uwe te vereecigen, ten einde TJ in het vervolg door mijne liefde zooveel troost te bieden, als ik TJ door mijne beleedigicgen bedroefd heb.

Oefening. — In onze droefheid aan de tranen van Jezus te Bethleëm denken, ten einde de onze met de zijne te vereenigen.

Geestelijk boeket. — De tranen van Jezus hebben onze tranen uitgewischt. (H. Ambrosius.;

VOORBEELD.

De tranen van het kind Jezus.

Een soldaat, Benedictus Lopez genaamd, had zich aan eene menigte zouden schuldig gemaakt. Eens dat hij in eene kerk een beeld van de EL Maagd beschoawde, die het kind Jezus op haren arm droeg, stelde God hem ^ den afgrijselijkea toestand zijner ziel voor oogen. Op dit gezicht maakte de wanhoop zich meester van hem. Maar dadelijk wendde hij zich tot de 11. Maagd, entoen hij weenende hare tusschenkomst afsmeekte, zag hij dat ook het Kind tranen stortte. De tranen

ocr page 30

26 *

waren zelfs zoo overvloedig, dat ook anderen die zagen en men die op het altaar op een doek opving. Van dien dag af, zeide Bene-dictus Lopez, die van een levendig berouw doordrongen was, de wereld vaarwel en trad in de orde der Jezuïeten, waar hij in de volharding van de teederste gevoelens van godsvrucht tot de kindsheid van Jezus leefde en stierf. (Leven van pater Benedictus Lopez.)

1 JANUARI.

OVERWEGING Gr DEK ACHTSTEN DAG DER MAAÜD.

De naam Jezus.

Inleiding. — De engel openbaart aan Maria den geheiligden naam, dien God voor zijn Zoon gekozen heeft. Laten wij Hem met deze goddelijke Moeder aanbidden en prijzen !

Üteeweöing. — De Heilige Geest heeft den geheiligden naam aan het goddelijkKind bij olie vergeleken. „Het is,quot; zegt de H. Bernardus, omdat, „gelijk de olie een licht, een voedsel en een geneesmiddel is, evenzoo de naam van Jesus een licht is voor ^ onzen geest, een voedsel voor ons hart en een geneesmiddel voor on ie ziel.quot;

Hij is een licht voor onzen geest. De glans van den naam van Jezus heeft de wereld uit de duistercissen der afgoderij getrokken «

ocr page 31

27

Â¥

*

en haar het licht des geloofs geschonken. Indien deze geheiligde naam niet gekomen was om onze landstreken te verlichten, zou-den wij in het Heidendom geboren zijn geworden, gelijk onze voorouders. Welkeene dankbaarheid zijn wij God voor deze weldaad niet verschuldigd, die een der grootste geheimen van de oneind'ge barmhartigheid des Heeren is!

Hij is een voedsel voor ons hart. Door ons in het geheugen te roepen wat die liefde-, volle Verlosser uit liefde tot de zielen geleden heeft, vertroost ons de naam van Jezus in onze moeielijkheden, strekt hij ons tot steun op den weg des heils, wekt hij ons vertrouwen op en ontvlamt onze harten in liefde tot God.

Hij is een geneesmiddel voor onze zielen. „Op den naam van Jezus,quot; zeide de Apostel, „buigen zich alie knieën, die in den Hemel, op de aarde en onder de aarde zijn.quot; Ook de helscho machten beven bij de aanroeping van dien geheiligden naam en vluchten in ontsteltenis weg door zijne ontzettende kracht. Wie is ooit voor de bekoring bezweken, nadat hij den naam van Jezus had aangeroepen ? Men valt, wanneer men hem niet aanroept of bij het aanhouden der bekoring niet daarmede voort blijft gaan. « 0 mijn Verlosser! grif uwen machtigen

ocr page 32

28

en aanbiddelijken naam in mijn bart, opdat hij daar blijve en mij bescherme tegen alle aanvallen, welke de hel tegen mij beraamt I Wees mijn licht, mijn voedsel en mijn geneesmiddel!

Oefening. — Het zich tot eene gewoonte maken om den heiligen naam van Jezus dikwijls met liefde aan te roepen.

Geestelijk boeket. —Uw naam heeft zich verspreid als eene welriekende olie. (Hooglied.)

VOORBEELD.

Wat de duivel het meest vreest.

De H. Edmucdus, aartsbischop van Canterbury, bevond zich, nog zeer jong zijnde, eens met anderen van zijnen leeftijd op het veld. Daar hij een vriend des gebeds en der eenzaamheid was, scheidde bij zich van zijne gezellen en ging ter zijde in eene weide wandelen. Plotseling vertoont zich een allerbekoorlijkst kind aan zijn oogen en zegt tot hem: „God behoede u , mijn waarde Edmoad!quot; Vervolgens vroeg hij hem of hij hem kende. Edmond antwoordde van neen. „Hoe!quot; hernam het kind, ,.gij kent mij niet en ik ben altijd aan uwe zij-do. ? Welnu, als gij weten wilt wie ik ben., zie mij dan eens goed in het gezicht.quot; Emond zag hem aan en las op het voor-

ocr page 33

gt; 29

hoofd van het kind: „Jezus Nazarems Jtex Judeorum, Jezus van Nazareth Koning der Joden.quot; — „Ziedaar mijn naam,quot; voegde .f Jezus er bij, en ik verlang, dat gij ter

herinnering aan de liefde, die ik u toedraag, alle avonden onder het uitspreken van dezen naam uw voorhoofd met het kruis-teeken zult teekenen. Hierdoor zult gij van een onvoorzienen dood bevrijd worden, en niet alleen gij, maar ook allen, die het zullen doen.quot; JSdmond deed het. Eens hield do duivel zijne handen vast, om hem te beletten zijn voorhoofd te teekenen. Maar de heilige overwon zijn vijand door het gebed en dwong hem te zeggen, welk wapen hem de meeste vrees inboezemde. De duivel bekende toen, dat het de naam was, welken hij uitsprak als hij zijn voorhoofd toekende. (De spiegel der voorbeelden)

2 JANTJAEI.

OVF.RWKOISO or DES NtGtNDEK DAG DER MAAND.

Nog eens de heilige naam ♦ yan Jezus.

Tkieiding. — In den Hemel beraadslaagde en bepaalde de Heilige Drievuldigheid, dat het Kind den naam van Jezus zou dragen. - Oybeweging. — Het leven in dit oord

ocr page 34

30

van ballingschap is vervuld met droefheid en smarten. Het lijden is de getrouwste gezel van ons bestaan, on tegen één glimlach storten wij duizend tranen. Waaraan de mensch dus de meeste behoefte heeft, is de troost. Verheugt u. Christenzielen, het kind van Bethleëm heeft een naam aangenomen, die troost. Het aanroepen van den heiligen naam van Jezus zal ons verlichting in al onze wederwaardigheden verschaffen.

Inderdaad, wanneer wij tot Jezus onze toevlucht nemen, is Hij bereid ons troost te verschaffen, omdat Hij ons bemint ea ons kan troosten, omdat Hij niet alleen mensch, maar ook een machtig God is. Zonder dat, kon hij den grooten naam van Verlosser niet in deszelfs volle beteekenis dragen. De naam van Jezua sluit tevens het denkbeeld van eene oneindige macht en oneindige liefde en wijsheid in zich. De H. Ber-nardus, die al het beminnelijke, dat de naam van Jezus in zich sluit, zoo diep overwogen heeft, zegt: „Als al deze volmaaktheden niet in den pertoon van Christus vereenigd waren geweest, had hij ons niet kunnen verlossen. Wanneer men zijnen heiligen naam aanroept,quot; gaat deze heilige kerleer-aar voort , „is het alsof men een verzachtenden balsem op de wonden zijner ziel stort.

ocr page 35

I •

Zijt gij in droefheid of onrust, spreek met vertrouwen den naam fan J^zus uit en de storm zal bedaren en de kalmte wederkeeren. l Zijt gij in zonde gevallen en wanhoopt gij

aan de vergiffenis uwer misdaad, roept dezen naam des levens aan en oogenblik-kelijk zult gij de hoop in uw hart voelen herleven.quot; Bijaldien Judas, toen hij door wanhoop werd aangevallen, tot de aan roeping van den naam van Jezus zijne toevlucht genomen had, zou hij niet in den staat van onboetvaardigheid gestorven zijn.

Oefenikg. — Nooit verzuimen om den heiligen naam van Jezus aan te roepen, wanneer men zich bereidt om het H. Sacrament van boetvaardigheid to ontvangen.

Geestelijk boeket. —Had Judas dezen naam aangeroepen, hij zou niet bezweken zijn. (Euthymius.)

VOORBEELD.

De liefde tot den naam van Jezus.

De gelukzalige Hendrik Suso, de liefde tot Jezus diep in zijn hart willende prenten, k nam een scherp ijzer en teekende daarmede

* dien geheiligden naam op zijne borst. Ver

volgens riep hij, druipend van bloed uit: „Heer! ik had U in het binnenste van mijn hart willen griffen, maar ik kon het niet; CHj, die alles kunt, grif uwen aanbiddelijken

ocr page 36

32

naam in mijn hart, opdat noch uw raam, noch uwe liefde immer daarin uitgewischt kunne worde. De H. Johanna de Ohantal dreef de liefde tot den naam van Jezus zoo ver, dat zij dien met een gloeiend ijzer op haar hart brandde. (H. Alphonsus de Liguorio.)

3 JANUARI.

OVEBWEOISO or DüN TIENDEN DAG DEtl MAAND.

Nog eens de naam van Jezus.

Inleiding. — Na de gewone ceremoniën, gaf Jozef op eene plechtige wijze den naam van Jeius aan het Kind.

0veeweging. — De naam van Jezus is een naam, die liefde uitdrukt. „O mijn Jezus!quot; riep een godvruchtig schrijver uit, „wat heeft het U gekost om Jezus, dat is Verlosser, te zijn!' Ook wanneer eene godvruchtige ziel dien zoeten naam uitspreekt, die haar herinnert aan alles, wat God gedaan heeft otn haar te verlossen, is het voltrekt onmogelijk, dat zij zich niet door liefdeals gedwongen gevoelt om dengenen te beminnen, die haar zoozeer bemind heeft! „Wanneer ik Jezus noem,quot; schreef de EL Bernardua, „stel ik mij een zachtzinnig, nederig, goedhartig, medelijdend man voor, die een voorbeeld is van al de deugden, die den heilige

ocr page 37

33

maken ; ik deuk tevens daarbij dat hij, die hem draagt, een almachtige God is, die mij wil genezen en rersterken. Ach 1quot; aldus besluit de beminnelijke en heilige leeraar, „slechts hij, die het ondervonden heeft, weet welk eene zoetheid, welke he-melsche genoegens men zelfs in dit oord van ballingschap smaakt, door den beminnelij-ken Jezus te beminnen!quot;

„O Christenziel!quot; riep de H. Anselmus uit, „bemin dan den naam van Jezus; dat deze heilige en beminnelijke naam steeds in uw hart zij, dat hij uw voedsel, uwe zoetheid en uw troost zij!quot;

Laten wij dan, wanneer wij in dorheid der geestes zijn, den naam van Jezus aanroepen, hij zal ons van liefde doen branden. Gelukkig, duizendwerf gelukkig de zielen, die dezen heiligen en beminneiijken naam altijd in den mond hebben: dien naam des vredes van hoop, van heil, van liefde. Maar vooral, welk een geluk, onder het uitspreken van den naam van Jezus den geest te geven! Als wij naar dat geluk haken, laten wij dan de gewoonte aannemen om hem gedurende ons leven dikwijls met liefde en vertrouwen uit te spreken.

OErEHiNG. — De namen van Maria en Jozef bij dien ?an Jezus voegen.

Geestelijk boeket. — Jezus, Maria,

3

ocr page 38

Jozef! Btaat mij bij in den doodstrijd! (100 dagen aflaat alken keer.)

VOORBEELD.

Een woord tot de H. Theresia.

Eens verscheen Christus in de gedaante van een klein kind aan de H. Theresia en vroeg haar, hoe zij heette. De heilige antwoordde: „Ik heet Theresia van Jezus.quot; — „En ik,quot; antwoordde het kind, „ik ben Jezus van Theresiaquot; (Leven van de H. Theresia.)

4 JANUAEI.

overweging op den elfden dag der maand.

De aanMdding der engelen.

Ibj.eiding. — De stal van Bethleëm is met licht overstroomd: hij is vol engelen. Terwijl sommigen in diepe aanbidding voor het goddelijk Kind liggen nedergeknield, vereenigen anderen hunne welluidende stemmen tot een lofgezang van eene onuitsprekelijke zoetheid Hooren en aanbidden w:j!

Oveeweoing. — Komt, engelen des Hemels, komt in dezen stal de majesteit van uwen verootmoedigden God erkennen! Uw Koning, de onsterfelijke Koning der eeuwen. Hij, die de wijsheid zelve is, heelt zich door de kracht zijner liefde tot de

ocr page 39

35

menschen tot zulk eene nietigheid gebracht, dat het den volgelingen van Lucifer eene dwaashtid is, welke zij in hunne opgeblazenheid niet kunnen aannemen. Treedt binnen, engelen des Hemels, komt den Schepper van hemel en aarde op stroo liggende beschouwen ; uwen Schepper in de gedaante van een klein kind, maar zoo Bchoon, dat er uit geheel zijn wezen liefdepijlen schieten, die de verhardste harten doorboren! Nu Hij in die grot geboren is en op het stroo dezer kribbe nederligt, is er niets afzichtelijks meer aan dezen stal, hij is eec paradijs geworden Treedt binnen en vieest niets!

O mijn lieve Jezus! sta mij toe dat ik mijne zwakke aanbidding vereenig met die der engelen aan de kribbe. De vurigheid hunner liefde zal aanvullen, waarin ik met mijn koud en onverschillig hart te kort schiet; de bewondering, door hun hemelsch vernuft ü betoond, zal tot vergoeding strek-ken van het ontoereikende van mijn zwak begïip en verstrooiden geest; de ijver, waarmede aij TJ aanbidden zal eene vergoeding zijn voor de lauwheid van mijn dienst.

Heilige engelen der kribbe! leent mij uwe vurigheid, om uw en mijn God te beminnen, die zich uit liefde tot de gevallen menschheid onder zulk een gering uiterlijk ala vernietigt!

ocr page 40

36

Okïekikg. — Van tijd tot tijd zijn gebed vereenigen met dat der engelen aan de kribbe-Geestelijk boeket. — Alle engelen hebben Hem aangebeden. (Psalm.)

VOORBEELD.

Waar men Jezus kan aanbidden.

De gelukkige Christina, religieuze van de orde van den H. Dominicus, had eene groote devotie tot het kind Jezus en vond er behagen in om het in de heilige hostie te vereeren en te aanbidden. Eens verscheen haar het goddelijk Kind, terwijl zij Mis hoorde, en zeide haar, hoe aangenaam het Hem was, dat men Hem in het H. Sacrificie der Mis vereerde.

5 JANUARI.

ovbeweoiko ol' dkn twaaliden dag der maand.

De aanbidding der herders.

Idleiding. — De herders, door den engel verwittigd, spoeden zich naar de grot. Met eerbied en liefde treden zij haar aanbiddende in.

Overweging. — Het goddelijk Kind wilde dat arme herders door den engel zouden uitge-noodigd worden om de eerste getuigen zijner geboorte en zijne eerste aanbidders te zijn. Hij had hiertoe verschillende beweegredenen.

ocr page 41

37

Eerstens wilde Hij het bericht zijner komst meer zekerheid verschaffen, door het te doen bekendmaken door eenvoudige lieden, die onbekwaam tot bedriegerij en ongeschikt waren om leugens ingang te doen vinden.

Vervolgens wilde Hij van het eerste oogenblik zijner geboorte af allen doen zien, dat Hij inzonderheid de God der geringen en der armen was. en dat men klein en gering moet worden, om zich van Hem te doen aannemen.

Eindelijk wilde Hij den menschen de ware broederschap leeren, die zegt; „Gij zijt allen broeders, alle kinderen van denzelfden Vader, die God is. Elk verschil tusschen Jood en Heiden, Griek en vreemdeling, vrijen en slaven, dat alles is opgeheven.quot;

Zoodra de engel tot de herders gezegd had: „heden is uw een Verlosser geborenspoedden zich deze eenvoudige en vertrouwende lieden, in weerwil van de duisternis v»q den nacht en de zorg voor hunne kudde, zonder aarzelen of uitstel naar de kribbe. Hun geloof, verheven in deszelfs eenroadigheiilitC doet hun in een arm pasgèboien kjnd dób^ Koning van hemel en aarde, deo Meegtcr der wereld, den Zoon .Talt Godd«a.iio^r de profeten voorzegde^ Messioe, den lanc gewenschten der geslachten,

ocr page 42

38

van het menscbdom herkennen. Waarna zij terugkeerden, God verheerlijkende en lovende voor alles wat zij gezien en gehoord hadden.

O mijn lieve Jezus! toen de herders TI in den stal van Bethleëm kwamen bezoeken, brachten zij geschenken voor U mede. Maar ik, wat zal ik U aanbieden? Ach! ik heb slechts naar de stem uit den stal, naar de stem uit de kribbe te luisteren. Beide roepen mij toa, dat ik mijn hart moet geven aan een God, die mij zoazeer bemind heeft.

Oefening. — Bij het bezoeken van het H. Sacrament zijn gevoelen vereenigen met dat der herders.

Geestelijk boeket. — Het geloof voerde de herders naar de kribbe, de liefde hield hen daar terug. (H. Alphonsus de Liguorio.)

VOORBEELD.

De kudde schapen.

De gelukzalige Haydi, abdas in de orde van Citeaux , zag eens in eene verschijning de H. Maagd met het kind Jezus op dan arm en omringd van eene kudde zachte en gehoorzame schapen. Het goddelijk Kind streelde ze met zijnen hand en scheen in hun gezelschap behagen te scheppen. Deze schapen waren het zinnebeeld der eenvou-

ocr page 43

39

dige en volgzame zielen, welke Jezus eene bijzondere liefde toedraagt. (Kronijk van de

orde vanCiteaux.) ^ _

6 JANUARI.

OVERWEGING OP DEN DtRTIENDEN DAG DER HAAND.

De aanbidding der Wijzen.

Inleidiko. — Stellen wij ons de Wijzen voor op den weg, die naar Bethleem voert. Eene schiterende ster gaat voor hen uit, In de verte begint het vlek zich te ver-toonen.

Oteeweging. — Een engel had de herders bij de kribbe van Jezus geroepen: dit was het eerste gunstbewijs voor de Joden; eene wonderbare ster riep de Wijzen: dit was het eerste gunstbewijs voor de Heidenen. Welk eene weldaad, en hoezeer moet de roeping der Wijzen onzo dankbaarheid opwekken! Het vleeschgeworden Woord wil de üedder van allen zijn, en ^ Hij roept ons allen in den persoon der

Wijzen tot het geloof en de genade.

De Wijzen waren, even als de herders, gehoorzaam aan de stem Gods; deze hadden hunne kudden, geene hunne koning-, rijken verlaten. De herders hadden zich niet

ocr page 44

•40

door de duisternis van den nacht laten terughouden; de Wijzen lieten zich niet afschrikken door de vermoeienissen en onveiligheid van eene lange en moeielijke reis.

Zij knielden neder voor den God, wiens majesteit zij onder den sluier der geringheid en armoede herkennen ; en als bewijs van hun geloof, offeren zij Hem goud, wierook en mirre.

Goddelijk kind Jezus! tot heden heb ik niets om IJ aan te bieden: noch het gourl der liefde, omdat ik geleefd heb in de ver-waarloozing der eenige liefde, die geheel mijn hart had moeten vervullen ; nog den wierook des gebeds, omdat ik mij altijd met zooveel achteloosheid en tegenzin tot het gebed begeven heb; nog de mirre der versterving , omdat ik al de ongeregelde neigingen mijner zinnen en begeerlijkheid heb opgevolgd. Er blijft mij ten minste, mijn zoete Jezus, mijn hart over; dit geef ik TJ, hoe onwaardig om aangeboden te worden het ook zij. Even als de Wijzen, zal ik niet meer tot flerodea terugkeeren, en ik zal, om TJ getrouw te zijn , een anderen weg volgen dan dien, welken ik bet ongeluk gehad heb tot heden te bewandelen.

©ErENiNa. — Onderzoeken of men oprecht is in het brengen zijner offers aan God.

ocr page 45

Geestelijk boeket. — En in den slaap vermaning ontvangen hebbende om niet weder naar Herodes te gaan, keerden zij langs een anderen weg naar hun land terug. (Mattheus II, 12.)

VOORBEELD.

Waarin het kind Jezus zijn vermaak vindt.

De gelukzalige Dorothea de Ferrara, religieuze van de orde van den H. Domi-nicus, had eens te midden van jonge novicen , wier leermeesteres zij was , terwijl deze zich over geestelijke zaken onderhielden s eene verschijning van het kindJezus, Het scheen vermaak te scheppen in het aanhooren van hare vrome gesprekken, daardoor toonende, welk eene waarde Het aan godvruchtige gesprekken hecht. (Kro-nijk van de orde van den fl. Dominicus.)

7 JANÜAEI.

OVERWEGING Or DEN VEERTIEN DEK DAG DER MAAND.

Maria bij de kribbe.

Ihleidino. — Het goddelijk Kind rust op schamel stroo. Maria staat bij de kribbe, beschouwt en aanbidt het.

Overweging. — Maria had verschillende bezigheden bij de kribbe.

ocr page 46

42

Ten eerste offerde zij haven goddelijken Zoon de voortdurende schatting harer tee-dere liefde en van haar moederlijk medelijden. Dit kind was been van haar gebeente, bloed van haar bloed, vleesch van haar vleesch : die leden, welke zij met windsels omwindt, zullen eens door geeselela-gen verscheurd, met nagels doorb.iord worden ; dit aangezicht, welks beminnelijke schoonheid haar verrukt, met walgelijk speeksel bedekt worden.

Ten tweede verzorgt Maria haar Zoon ; zij voedt Hem, zij verwarmt Hem, zij d-oogt zijne tranen, zij drukt Hem aan haar hart, zij draagt Hem in hare armen; deze schamele kribbe bevat voor haar de gansche wereld. Daar is haar hart, wijl daar haar schat is.

Ten derde luistert Maria naar haar goddelijken Zoon, want in de stilte der grot spreekt alles: zij hoort de wonderbare zaken, welke het geloof aan de herders en wijzen ingeeft, en bewaart die in haar hart, om ze gedurende hare lange gebeden bij de kribbe te overwegen.

Eindelijk ontvangt Maria zoowel de arme bezoekers van Jezus als zijne rijke aanbidders met eene moederlijke goedheid.

Zij is dankbaar voor alles, wat men aan haren Zoon doet. Een blik vol hemelsche

ocr page 47

43

poedheid stort in de sielen der herders en der Wijzen al den dank van Maria, waarvan de verrukkelijke herinnering hun steeds bijblijft.

Ziehier ons voorbeeld bij het bezoeken van Jezus in zijn heiligen Tabernakel.

Offeren wij, gelijk Maria, aan den onder de gedaante van brood verborgen God onte diensten, zooals wij weten, dat Hij ze van oni verwacht!

Luisteren wij, gelijk Maria, als Jezus in de stilte van het heiligdom tot ons spreekt, en bewaren wij zijne woorden in ons hart!

Laten wij, gelijk Maria, op een zachte wijze zielen voor de in het H. Sacrament verborgen liefde trachten te winnen !

Oefening. — Zich vereenigen met de bezigheden van Maria wanneer men het H. Sacrament bezoekt.

Geestelijk; boeket. — Zie en doe als uw voorbeeld! (Genes.)

VOORBEELD De zegen van het kind Jezus.

Eene uitmuntende gewoonte om het kind Jezus te vereeren is het, zoo dikwerf men den naam van God uitspreekt of hoort uitspreken, met eerbied en liefde het hoofd te bui-

ocr page 48

44

gen. De gelukzaligen Jordanus van de orde der Predikheeren zag eens de H. Maagd de handen van het kind nemen en diegenen er mede ïegenen, welke dit godvruchtig gebruik onderhielden (Kronijk van de orde van den H. Doirinicus.)

8 JAKTJARI.

overweolko 01' dex vijptiekdkn dag der ma am).

De H. Jozef bij «Ie kribbe.

Inleiding. — de eerwaardige aartsvader is bij de kribbe. Hij aanbidt en bemint.

Overweging. — „Gaat naar Jozef,quot; zeide Pharao tot zijne onderdanen, „ik heb hem aangesteld tot overste over mijn buis en bestierder van al mijne schatten.quot; Deze voorrechten van den Jozef der oude wet waren slechts een albeeldsel van de groote waardigheid, tot welke God den Jozef der nieuwe wet wilde verheffen. Laten wij dan tot Jozef gaan en bij de kribbe, waarin Jezus rust, zijne vurige liefde bewonderen !

„Mijn God ! ' schijnt hij Hem te willen zeggen, „omdat Gij mij uw vader wilt noemen, laat mij TJ den liefdelijken naam van zoon geven . .. Mijn zoon ! Mijn God! . ,. Mijn zoon, ik bemin U !... . Mijn God,

ocr page 49

45

ik aanbid . TJ !.... Mijn hart is het uwe en Gij zijt de mijne. Sta toe, dat ik U aan mijn hart drukke, dat ik mijn welbeminden zoon met kussen overdekke! Mijn God ! laat mij een uwer vurigste aanbidders zijn ! Voor U zijn mijne vermoeienissen, mijne werken en mijn leven.quot;

Zonder dit verheven gebed te staken, houdt de H. Jozef zich bezig om met Maria het lijden, de ontberingen, de vernederingen en de toewijding aan Jezus in den stal van Bethleëm te bewonderen en te deelen. Het was voor hem het voorspel der voortdurende zorgen voor de behoeften van het heilig gezin, waarvan zijn gansche leven eeoo aaneenschakeling zou zijn.

Maar, o groote, beminnelijke Aartsvader! gij zijt niet alleen de beschermer en steun van Maria en het Kind geweest, gij waart als hun meerdere. Echtgenoot en vader, gij hebt recht op eene gehoorzaamheid, die u altijd getoond is! Ach! daar gij al uwe rechten op de harten van Maria en Jer.uB in den Hemel behouden hebt, ge-waardig u, ze in ons voordeel aan te wenden!

O vee weging-. — Den H. Jozef eene bijzondere godsvrucht toedragen.

Geestelijk boeket. — Gaat tot Jozef! (Genea.)

ocr page 50

46

VOORBEELD

De H. Jozef en het kind Jezus.

De eerbiedwaardige zuster PrudeLtia Zagnoni, vermaard wegens hare godsviucbt jegens het kind Jezus en den H. Jozef, zag eens in een vizioen den H. Jozef met het kind Jezus in zijne armen. Na eene wisseling van betuigingen van liefde en getrouwheid , verdween de verschijning, en van toen af leidde zij een zeer zuiver en volmaakt leven. Gedurende hare laasta ziekte had zij op nieuw eenen verschijning, welke haar tot eene onuitsprekelijken troost verstrekte. (Leven van de Eerbiedwaardige.)

9 JANUARI.

oyerweg13sg 01quot; deh zestjbmjun dag uk 11 maand.

De beesten.

Inleiding. — Twee beesten, een os en een ezel, zijn bij de kribbe. Zij houden hunne koppen in de hoogte, en met hunnen zachten en warmen adem schijnen zij hst goddelijk Kind te willen verwarmen.

Oveuweqing. — „De os.quot; zeide een profeet, „heeft; zijn meester gekend, en de ezel de kribbe \an zijn heer!quot; Jezus was gekomen om den Hemel met de aarde te

ocr page 51

47

verzoenen: Hij kwam om de verwoesting, door de zonde van Adam aangericht te herstellen. De gansche schepping moest den grooten Herstelier erkennen, en terwijl de engelen en de menschen hun öod loven, terwijl het uitspansel met een glorielicht schittert, terwijl het plantenrijk in dit koor van eerbewijzingen door het stroo, waarop Jezus rust, vertegenwoordigd wil worden, beijveren zich de dieren om hun Schepper te erkennen en trachten zijn lijden in de kribbe, die zij Hem afgestaan hebben te verzachten.

Maar welk eene vernedering tevens voor den God, die geboren is geworden! „Hij, de Schepper der engelen,quot; zegt de H. Petrus Damianug, „had in een paleis kunnen geboren worden, te midden van een schitterend hof, in zijde en linnen van de kostbaarste Boort gewikkeld, in eene met goud en edelgesteenten versierde wieg gelegd, en integendeel. Hij rust op het stroo der dieren. Dij wordt in het verblijf der dieren geboren. Hij wil behoefte hebben aan den adem der dieren, om zich te verwarmen!

O Goddelijk Kind van Bethleëm, God der armen en geringen! wie zou voortaan de verootmoodigingen en vernederingen niet liefhebben, wanneer Gij ons zulk een heldhaftig voorbeeld geeft!

ocr page 52

48

Oefening, — In de bekoring van hoogmoed aan Jezus, tuesehen twee beesten liggende, denken.

Geestelijk boeket. — De os en de ezel hebben hunnen meester en heer erkend. (Isaïas.)

VOORBEELD.

Be ondankbaarheid der mcnschen.

Een kloosterling, in een Kerstnacht door een bosch gaande, hoorde een klagend gesteun, gelijk aan dat van een pas geborer kind. Bij ging naar de p'.aats, waarbij meende bet gerucht gehoord te hebben, en zag toen een Echoon kind op de sneeuw liggen, dat van koude beefde en weende. Door medelijden bewogen, steeg hij van het paard, en het kind naderende, riep hij uit: „o arme kleine! hoe komt het, dat gij daar zoo verlaten, weenende en van koude stervende in de sneeuw ligt?quot;— „Helaas!quot; antwoordde het kind, ,.hoe zou ik niet lijden en weener, daar ik mij van een ieder verlaten zie! Niemand wil mij ontvangen of medelijden met mij hebben.quot; Na nit gezegd te hebben, verdween het kind. (Kronijk van de orde van Citeaux).

ocr page 53

49

10 JANUAEI.

OVERWEGING Ol' DEN ZEVENTIENDEN DAG DER MAAND.

De eenzaamheid.

Inleidino. — Stellen wij ons de grot van Betheleëm in het eenzame veldvoar: inde verte het gewoel der stad; hier stilte en eenzaamheid!

Oveeweging. — Jezus had den stal van Bethleëm gekozen, om er in geboren te worden. Hij wil buiten de stad, in eene eenzame grot ter wereld komen, om ons te leeren de eenzaamheid te beminnen, want de Heer woont niet in het gewoel en ge-druiseh der wereld.

Gelukkig de ziel, die deze les begrijpt; zij zal zich, gelijk de herders en de Wijzen, in de eenzaamheid laten geleiden, waar God tot haar zal spreken! Gelukkig zijn zij, die zich in deze liefelijke en heilige eenzaamheid der kribbe met Jezus, Maria en Jozef in stilte onderhouden, De herders verlieten haar, na slechts kort daar geweest te zijn, met liefde tot God verpuld, niets anders doende dan Hem loven en verheerlijken.

Gelukkig dus de ziel, die zich in de eenzaamheid van Bethleëm afzondert, om de barmhartigheid des Heeren te bewonderen en de liefde te overwegen, welke een God den menschen heeft willen toedragen. In

4

ocr page 54

50

deze goddelijke eenzaamheid zal het godde» lijk Kind spreken, niet tot de ooren van haar lichaam, maar tot haar hart door haar uit te noodigen om God te beminnen, die haar zoozeer bemind heeft! O, welk eene liefelijke eenzaamheid voor eene ziel, die geloof heeft!

De H. Hieronymua, die in den stal van Bethleëm, welke getuige van de geboorte van den Verlosser geweest was, zoolang geleefd en zooveel gebeden had, riep, na het zelf ondervonden te hebben, uit: „O schoone eenzaamheid van Bethleëm, waar God gemeenzaam tot de moeder spreekt en zich met haar onderhoudt!quot; Het is reeds hier het paradijs leven aangevangen, als men zich in de nederige en armoedige grot van Bethleëm met bet kind Jezus onderhoudt!

Oefening.— Zich eikjaar en elke maand de weldaden der eenzaamheid verschaffen, welke men in eene geestelijke afzondering geniet.

Geestelijk boeket. — ]k zal haar in de eenzaamheid voeren en daar tot haar hart spreken. (Hooglied)

VOORBEELD.

Een stilzwijgen van negen jaar.

Eene zeer godvreezende religieuze van de orde van den H. Franciscus, Jacoba de I'Aquila, had zich ter eere van het kind Jezus

ocr page 55

51

een stilzwijgen van negen jaar opgelegd. Na verloop van dien tijd verscheen de fl. Maagd met het kind Jezus op den arm, om haar te beloonen dat zij zoo goed den geest van stilzwijgendheid van haar goddelijken Zoon had nagevolgd. (Maand Januari.)

11 JANTJAEI.

overwkgikg op den achttienden dag deb maakd.

De stilzwijgendheid.

Inleiding. — Geen enkel gerucht wordt gehoord in den stal, waar het vleeschge-worden Woord het stilzwijgen bewaart.

Oveewegiiig. — Als wij de grot binnendringen, waarin het liefelijk roystorie voltrokken is, vinden wij er slechts rusten stilte. Het Woord heeft zich tot een kind gemaakt, en vrijwillig zich tot stilzwijgendheid veroordeeld; Hij, het woord des Vaders, het Woord uit zijn wezen en uit zijne natuur. Om deze stilzwijgendheid na te volgen, aanbidden en beschouwen Maria en Jozef in stilte het goddelijk Kind. Aan zuster Mar-garetha van het H. Sacrament, aan deze Karmelietes, wier teedre godsvracht voor het mysterie der kribbe haar den bijnaam van de Bruid van het E. Sacrament had doen verwerven, aan deze, zeg ik, werd veropenbaard, dat alles, wat er in de grot

ocr page 56

52

van Bethleëm plaats greep, zelfs het bezoek der herders en de aanbidding der Wijzen, in stilte en zonder spreken geschiedde.

Ach! wat zijn er in onze eeuw, waarin men zoo aan het uiterlijk gehecht is, zoo weinig opmerkt en zoozeer verstrooid is, weinige zielen, die deze groote les van stilzwijgendheid begrijpen. „Alle stichters van geestelijke orden hebben hunne geestelijke kinderen ten nauwste tot de stilzwijgendheid verbonden ; alle meesters en leeraars van het inwendig leven zijn het daar in eens, dat het zonder de stilzwijgendheid onmogelijk is om vordering in de deugd te maken; en de H. Jacobus vat deze ganscha leertezamen, wanneer hij zegt: „Dieniet door woorden zondigt, is een volmaakt mensch!quot;

Vergeten wij ook niet, dat eene uitwendige stilzwijgendheid niet voldoende is, wanneur wij aan al de grillen en wuftheid onzer verbeelding vrij spel laten! Laten wij de uit- en inwendige stilzwijgendheid beoefenen, dan zullen wij de stem Gods hoeren, gelijk het ruischen van een zachten wind, welks geluid door het minste gerucht verhinderd zou worden om tot ons te komen!

Oeeenikg. — De stilzwijgendheid beminnen.

Geestelijk boeket. — O stilzwijgend quot;Woord. (Litanie van het kind Jezus.;

ocr page 57

53

VOORBEELD.

Eene zoete gevangenschap.

De eerwaardige zuster Margaretha van het t H. Sacrament had zich zonder voorbehoud aan het kind Jeaus overgegeven; zij dacht en sprak van niets andere. sHet kind Jezus,quot; zeide zij, „houdt zich altijd geheel bezig met het mysterie zijner geboorte, Hij hee^t mij in de twaalf jaren zijner kindsheid ingesloten als in eene ommuurde ruimte, welke Hij mij niet toelaat te verlaten. (Leven der eerwaarde zuster.)

12 JANUAEI.

OVEltWEGING Olquot; DEN NEGENTIENDEN DAG DER MAAND.

Het gebed.

Inleiding — Het goddelijk Kind heeft zijne blikken naar den hemel gericht, het bidt.

Oveewegiko — De stal van Bethleëm is het rijkste bidvertrek der aarde geworden. De goddelijke Majesteit had voorzeker vóór , r de geboorte van Jezus vele bewijzen van eerbied van engelen en van menschen ontvangen; maar hoe ver zijn al die eerbe-wijzingen te zamen er af, die te evenaren, welke het kind Jezus zijnen hemelschen ^ Vader in den stal van Bethleëm aanbood !

ocr page 58

54

Niets ral aan de zuiverheid en volmaaktheid der betuigingen van liefde gelijken, welke het vleeschgeworden Woord zijnen hemelschen Vader opdroeg! Nooit werd het voorschrift, God boven alles uit geheel zijn hart en met al zijne vermogens te beminnen, vervuld met eene volmaaktheid, waarbij de vurige liefde der Serafijnen slechts ijs was. Vragen wij aan het goddelijk Kind om eene vonk van dio zoo zuivere liefde, waarmede het zijn hemelschen Vader in de grot van Bethleëm beminde 1

Bewonderen wij ook de schoonheid en volmaaktheid der gebeden van het kitd Jezus, en hoe aangenaam zij den Allerhoogste waren 1 Zijn gebed was onafgebroken, bet was voor ons allen en voor ieder onzer in het bijzonder.

Dank, mijn lieve Jezus! dat Gij zoo veel voor mij gebeden hebt! Ach! in welk een beklagenswaardigen staat zou ik, zonder uwe gebeden, gebleven zijn! Ik heb de vergeving mijner zonden er door verkregen, en ik hoop 'dat ik er de genade door verkrijg om tot aan mijn dood in uwen dienst te volharden.

O Maria, die uwe gebeden en meeningen zoo goed met die van uwen Zoon vereenigd hebt, gij, die na Hem het gebol van liefde tot God het best hebt vervuld, deel mij

ocr page 59

55

uwen geest des gebeds mede en verkrijg voor mij eene, liefde, die zich nooit verloochent !

OErENisro. — Zijn gebed met dat van het kind Jezus vereenigen!

Geestelijk boeket. — Hij is om zijne eerbiedigheid verhoord geworden. (Epistel aan de Hebreen.)

VOORBEELD.

De genoegens van het gebed.

Twee godvruchtige personen, die met dorheid in het gebed gekweld werden, namen hunne toevlucht tot den H. Jozef en smeekten hom om hen van zijn geest des gebeds aan de kribbe mede te dealen. De weg des gebeds, die toen zoo dor voor hen was, bedekte zich met bloemen en vruchten, en de overweging werd hunne meest geliefde oefening. (Werken van pater Barri.)

13 JANUAEI.

OVERWEGING OP DEN TWINTIGSTEN DAG DER MAAND.

De boetedoening.

Inleiding. — Jezus weent in zijne eenzame kribbe.

Oteeweqing;. — De twee voornaamste bezigheden van een kluizenaar zijn het gebed en de werken van boetvaardigheid; en daarop is het, dat het kind Jezus zich in de een-

ocr page 60

56

zaamheid van Bethleëm die Het gekozen heeft, onafgebroken toelegt.

Wij hebben gisteren gezien, hoe Jezus zich van zijne eerste bezigheid, het gebed, kweet. Maken wij vandaag zijne boetple-gingfn loi een punt onzer overweging!

Hij wischt uit en doet boetvaardigheid voor ons. Dit is de reden waarom Hij zieb tot zulk een staat van nietigheid en armoede gebracht heeft. Ziedaar waarom Hij zich zelfs de verzachtingen, welke het armste kind niet ontbreken, ontzegt, namelijk, aan de borst zijner r oeder gedragen en verwarmd te worden en op haren schoot te rusten.

Toen de engel den herders bekend maakte, aan welk teeken zij den Messias zouden herkennen, zeide hij: „Gij zult een klein kind vinden liggen in eene kribbe.quot; Waarom dat? Waarom heeft Maiia, die teederminnende moeder, haar Zoon op het harde stroo laten liggen, in plaats van Hem op hare armen en op haren schoot eene veel zachtere en warmere legerstede te geven? „Ach,quot; antwoordt 6e H. Thomas van Villanova, daarin ligt een groot geheim. Zonder dat zou de zachtste en meest beminnende der moeders er nooit toe overgegaan zijn om haar Zoon in eene dusdanige wieg te leggen.

O beminnelijke Jezus! daar Gij ons zoozeer bemind hebt, dat Gij onze zonden en

ocr page 61

57

n

overtredingen uitwischtet door de hardste ODtberiDgen en eene liefde tot het brengen van offers, waarvan Gij van uwe geboorte af blijken gaaft, laat mij trachten uwe smarten uit te wisschen! Van nu af wil ik niet meer door en voor mij zeiven leven. Voortaan zal ik mijiie eer alleen zoeken in U te beminnen en te trachten U door de onbaat zuchtigheid mijner offers mijne liefde te toonen.

Oefenip g. — Onze boetvaardige werken vereetigen met de boetedoening van het kind Jezus.

Geestelijk boeket. — Jezus, nog kind, beproefde zijne krachten tot het lijden, dat lijn leven lang zijn deel zou aijn. (H. Petrus Damianus )

VOORBEELD.

Het kind met doornen gekroond.

De H. Dominicus, te Eome predikende, trof daar eene zondares, Catharina genaamd, aan, wie hij een rozenkrans ter hand stelde. Catharina, bad een tijd lang er aan, zonder evenwel van leven te veranderen. Doch eens verscheen Jezus haar onder de gedaante van een aanvallig kind, dat eene doornenkroon op het hoofd had en een kruis op zijne schouders; tranen vloeiden uit zijne oogen en bloed van zijn lichaam. „Het is genoeg,quot; zeide Hij tot de zondares, „zondig niet meer.

ocr page 62

58

het 18 genoeg! Houd op met mij te belee-digen! Zie hoeveel gij mij gekost hebt, daar ik van mijne kindsheid af begonnen bec met voor u te lijden en daarmede niet opgehouden heb dan tot aan mijn dood !quot; Catharina ging zich dadelijk voor de voeten van den H. Dominicus werpen, beleed hem hare zonden en ontving zijn raad. Na vervolgers alls wat zij bezat aan de armen te hebben uitgedeeld, sloot zij zich in eene kleine, dichtgemetselde cel op, waar zij zulk een godvreezend en boetvaardig leven leidde, dat zij, na een voorwerp van bewondering der menachen geweest te zijn, verdiende bij haren dood door de H. Maagd bezocht te worden. (Annalen der Dominikaner orde.)

14 JAKüAKI.

ovkuwlöing op den eik en twikiigsten dag dek maand.

De Prediking.

Inleiding. — Knielen wij neder voor de kribbe, waarin de Koning der eeuwen gezeten is, en laten wij het oor leeneu aan hetgeen Hij ons zwijgend zegt!

Ovebwegisq. — „De kribbequot;, heeft een groote Heilige gezegd, „is eene groote school! Zij is een kansel, van welken ons

ocr page 63

59

de meest gezaghebbende leeringen worden verkondigd. Zij ia de kansel van God, die er in gezeten is, is het vleeschgeworden Woord dat onder ons is nedergedaald, om ons in zijne geloofs- en zedeleer te onderwijzen.

En nogtans spreekt dit Woord niet. Maar hoe welsprekend is dit zwijgen !

Ziehier iets vau de prediking van Jezus als kind:

Het Woord van God is mensch geworden, om de haften der meDschen te winnen en hun te toonen, hoezeer Hem zeiven de zaligheid der menschen ter harte gaat.

Hij heeft zich klein gemaakt, om ons te leeren , de ijdele vertoon making en val-eche grootheid dezer voorbijgaande wereld te vluchten, ten einde waarde te hechten aan hetgeen niet voorbij gaat, en aan eene nederigheid, die verheven zal worden.

Hij is zwak gewo:den , om ons te leeren , eerbied voor geringen en zwakken te hebben, en om den hoogmoed der menschen, die zijn steun in zijne ondernemingen, in eigen wijsheid en kracht zoekt te vernederen.

Hij is arm geworden, om ons het groote christelijke beginsel van liefde jegens de armen en veriatenen dezer wereld te leeren , in wier persoon het geloof ons Jezus Christus zal toonen.

ocr page 64

60

Hij heeft zich tot een dienstknecht gemaakt, om ous de woorden van gehoor-«aamheid en onderwerping te doen zien en ons te verwijderen van dien dwazen geest van heerschzucht, die aan de natuur der gevallen engelen ten grondslag ligt.

Hij is alles voor allen geworden, en heeft ons door eene beminnelijke voorkomendheid getoond, dat het zijn vermaak is met de kinderen der mensehen te zijn.

Laten wij elke dezer leeringen overwegen.

OEFENisa. — De deugden beoefenen, welke het kind Jezus van uit zijne kribbe ons leert.

Geestelijk boeket. — De kribbe is een groote kansel. (H. Thomas van Villanova.)

VOORBEELD.

De H. Cajetanus.

Deze groote Heilige werd eens vereerd met eene verschijning van het kind Jezus, en dit vizioen trof hem zoodanig , dat hij zich van al zijne waardigheden ontdeed, om slechts in nederigheid en evangelische armoede te leven. (Levens der Heiligen.)

ocr page 65

15 JANUA.EI,

OVERWEGING OP DEN TWEE EN TWINTIGSTEN DAG DER MAAND.

Het Woord is vleesch geworden.

Inleiding. — Laten wij het kleine Kind in zijne kribbe aanbidden, en bewonderen wij de goedheid, die Het er toebracht heeft om zich zoo te vernederen I

Oveeweging. — Ziehier hoe God een der orzen is geworden! „Beschouw dit wonder, o mensch!quot; riep de H. Augus-tinus uit, „uw God heeft zich aan u gelijk gemaakt. Hij heeft zich tot een kind van Adam gemaakt als gij; Hij heeft zich mot hetzelfde vleesch bekleed ; Hij is vatbaar voor lijden en sterfelijk geworden als gij. Hij had de natuur der engelen wel kunnen aannemen, maar Hij heeft verkozen om zich met uw eigen vleesch te vereenigen, ten einde in ditzelfde vleesch aan de goddelijke gerechtigheid voldoening te geven, in dat vleesch, dat onschuldig is in Hem, maar strafbaar in Adam. Hij beroemt er zich zelfs op, daar Hij zich in den loop van zijn openbaar leven dikwijls den zoon des menschen zal noemen. Wij mogen Hem dus zonder aarzelen en met ean gevoel van eene onuitsprekelijke vreugde onzen broeder noemen.quot;

ocr page 66

62

Een God is mensch geworden! Ach, welk eene vernedering! Zij ia onvergelijkelijk grooter, dan dat alle groeten dezer aarde, alle engelen en gelukzaligen des Hemels zich zoodanig vernederden, dat zij niets meer dan een grasspiertje of een handvol hooi waren. De vorsten, de engelen en de heiligen, het gras en het hooi zijn schepsels; terwijl de afstand tusschen God en het geschapene oneindig is.

De H. Thomas van Aquinen heeft dus met recht het mysterie der menschwording het wonder der wonderen genoemd: een wonder, dat alles te boven gaat, wat het menschelijk vernuft kan bevatten. God heeft degeheele macht zijner liefde tot de menschen getoond. Een God mensch worden, de schepper een schepsel, de maker van alle dingen uiteen schepsel geboren worden, de meester dienaar worden, die onvatbaar is voor lijden, onderworpen aan het iijfien en den dood! Ik geloof, ja, ik geloof aan de liefde van mijn God!

Oefening. — Het vaste besluit nemen om een God te beminnen, die ona zoozeer bemind heeft.

Geestelijk boeket. — Het Woord ia vleeach geworden! (H. Joannes.)

ocr page 67

63

VOORBEELD.

Het Woord is vleesch geworden.

De H. Petrus van Alcantara, eens op een Kersdag in de derde mis het Evangelie van den H. Joannes hoorende zingen, begon het groote mysterie der menschwor-ding te overwegen. Hij werd hierdoor zoo in liefde tot God ontvlamd, dat hij, in geestverrukking geraakt zijnde, zich op een groo-ten afstand in do lucht tot voor het H. Sacrament vervoerd gevoelde. (H. Alphonsus de Liguorio.)

16 JAN CJAE1.

OVERWEGING Cl' DEN DUIE EN l WINTIG STEN DAG DER MAAND.

Het eeuwig Woord heeft zich van groot klein gemaakt.

Iw-bidikg. — Bewonderen wij de ootmoedigheid van het Kind van Bethleem en werpen wij ons aan zijne voelen, om zijne groote vernedering te overwegen!

Oveewegihu. — De Heer is van eene oneindige grootheid, en die groote God is het, die uit liefde tot ons een kleiii kind geworden is. „Hij heeft zich tot een kind gemaakt,quot; zegt de H. Ambrosias, „om ons groot te maken; Hij heeft in windsels willen gewikkeld worden, om ons van de ban-

ocr page 68

64.

den des doods te bevrijden; Hij is op de aarde nedergedaald, om ons ten hemel te doen stijgen quot; „Komt,quot; riep de H. Bernardus uit, „komt dien almachtigen God zien, die zoo vast in zijne windsels gewikkeld is, dat Hij zich niet meer kan bewegen ; dien God, die alles weet, die stom geworden is; dien God, die Hemel en aarde regeert, die zoo hulpeloos geworden is, dat men Hem op den arm moet dragen; dien God, die alle men-schen en dieren voedt, en die behoefte heeft aan een weinig melk om te leven; dien God, die de bedroefden troost en de vreugde des Hemels is, en die weent en een trooster zoekt!quot; O lief, beminnelijk en heilig Kind!

Gij hebt niets verzuimd om II van de men-schen te doen beminnen! Gij zijt begonnen met TJ aan hen onder de tederige en innemende gedaante van een klein kind te vertoonen, ten einde vaa uwe geboorte af te beginnen met hunne harten te winnen, totdat Gij, door U gekruist aan hen te vertoonen, uwe verovering voltooit O liefde! o liefde! hoe te recht zeide Ezeehiël, dafc de tijd uwer komst de tijd der liefde zou zijn.

De H. Bonaventura vraagt zich af, waarmede men de liefde van het Kind van Bethleëm vergelden kan, en hij antwoordt: „Kinderen zijn gaarne bij kinderen, houden veel van bloemen en worden gaa-ne op den

ocr page 69

65

arm gedragen.quot; Worden wij dan kinderen, laten er in ons bloemen van deugd ontluiken en drukken wij Jeeus in de armen onzer liefde!

Oefening. — Hetgeen de H. Bonaventura ons aanbeveelt getrouw opvolgen.

Geestelijk boeket. Een kind is ons geboren. (Isaïas.)

VOORBEELD.

Jezus verschijnt aan een geloofson-derwijzer.

ïcen de H. Petrus Pascasius, vermaard wegens zijne godsvrucht voor den naam van Jezus, in Turkije gevangen zat, wijdde bij zich toe aan het onderricht der christenkinderen. Eens, toen bij zich, als naar gewoonte, daarmede bezig hield, voegde zich een onbekend kind bij de overige. De Heilige, zich tot dat kind wendende, vroeg hem de namen van de personen der Heilige Drievuldigheid. Toen het den tweeden zou noemen, vervulde het kind Jesus (want die was het) door zijn woord de ziel van zijn dienaar met zulk een helder licht, dat hij Het herkende. Het gezicht van zooveel beminnelijkheid vuurde zijnen ijver zoodanig aan, dat hij later met vreugde den marteldood onderging. (Leven van den H, Pascasius.)

5

ocr page 70

66

17 JANUAllI.

ovlrweg1kg op den vlfcr en twintigstén dag der maand.

Het eeuwig Woord is van lieer dienstknecht geworden.

ik leiding. — Stellen wij ons de verrukking der engelen voor, die de vernedering van het goddelijk Kind beechouwen!

Overweging. — „Hij heeft zich zeiven vernietigd,quot; zeide de H. Paulus, „door de gedaante van een dienstknecht aan te nemen.quot; De Opperheer die de engelen des Hemels en al het geschapene beheerscht, is op de aarde nedergedaald, om de dwingelandij van Satan te niet te doen en de menschen van het smaadvol juk der dienstbaarheid, waaronder zij zuchtten, te verlossen. Maar welk middel zal Hij daartoe aanwenden ? Hoort, menschen, en bewondert!

De eenige zoon van God, gelijk aan zijn eeuwigen quot;Vader, almachtig, onschuldig, wijs,

felukkig, onaf hankelijk als zijn Vader, heeft e menschen zooieer bemind, dat Hij nich zoo diep vernederde, dat Hij door aan ons, behalve in de zonde, gelijk te worden, de gedaante van een slaaf heeft aangenomen. En daar de menschheid, ten gevolge van de sonde van Adam, slaaf van Satan gewor-elukkig, onaf hankelijk als zijn Vader, heeft e menschen zooieer bemind, dat Hij nich zoo diep vernederde, dat Hij door aan ons, behalve in de zonde, gelijk te worden, de gedaante van een slaaf heeft aangenomen. En daar de menschheid, ten gevolge van de sonde van Adam, slaaf van Satan gewor-

ocr page 71

67

den was, heeft Hij de menscheÜjke natuur aanger omen, om haar vrij te koopen, door zijn lijden en dood aan de goddelijke rechtvaardigheid te voldoen, en alzoo de straf op zich te nemen, welke de menschen verdienden.

Uit liefde voor mij, beminnelijke Jezus ! en om mij van de helsche ketenen te bevrijden, hebt Gij U tot dienaar gemaakt, niet alleen van uwen faemelschen Vader, maar ook van de menschen en later zelfs van uwe beulen! En ik, ik heb voor nietige voldoening, voor een misdadig vermaak uwen dienst verlaten en ben een slaaf des duivels geworden! Ach ! vergeef mij en trek mij tot uwen dienst door de banden eener liefde, die onverbreekbaar zijn!

Oepekihg. — Gaarne de vernedering, aan zijnen ondergeschikten staat verknocht, verdragen, door te denken aan Christus, die dienstknecht geworden is.

Geestelijk boeket. — Hij heeft zich zeiven vernederd, om de gedaante van een dienstknecht aan te nemen. (Epistel van den H. Paulus aan de Philipensen.)

VOORBEELD.

De goede Herder.

Het kind Jezus verscheen eens aan de zuster Maria-Anna van Jezus, eene religieuze der orde van den H. Pranciecus, een schaap

ocr page 72

08

op zijne schouders dragende en met zweet bedekt, zoo zwaar scheen de vracht te zijn. (Leven dier zuster.)

18 JANUAEI.

OVERWEGING OP DEN VIJF EN TWINTIGSTEN DAG DER MAAND.

Het eeuwig Woord, dat ouschnldig was, heeft zich tot een schuldige gemaakt.

IuLEiDiKa. — De oogen van het kind Jezus zijn nedergeslagen: men zou zeggen, dat Het ze niet naar den Hemel durft opheffen, omdat Het zich te veel overladen gevoelt met de ongerechtigheden dermenschen.

Oveewegibo. — Voor de komst van den Verlosser zuchtte het menschdom troosteloos op deze aarde, alle menschen, zijneH.Moeder alleen uitgenomen, waren kinderen der gramschap, en niet één onder hen was bij machte om den toorn te stillen van God, die over hun^e misdaden in rechtmatige gramschap ontstoken was. Het was God, die door den mensch beleedigd was geworden, en de mensch, dat nietig schepsel, kon de eener oneindige Majesteit aangedane beleediging op geenerlei wijze uitwissehen ; een persoon der H. Drievuldigheid moest aan de goddelijke gerechtigheid voor den mensch vol-

ocr page 73

69

doeniog geven. Een tweede, andere God bestond niet, aangezien er maar één is en zijn kan. Van den anderen kant, kon de , beleedigde aan zich zeiven wel voldoening geven voor eene beleediging, die hij ontvangen had? Alzoo bestond er geen hoop?

O menschen! troost u; ziet, de rechtvaardigheid en de vrede hebben elkander omhelBd! De eenige Zoon van God is mensch geworden, Hij heeft zich met de gedaante van den zondaar bekleed, en, de schuld der menschen op zich nemende, heeft Hij door zijn lijden en dood voor hen geheel aan de goddelijke gerechtigheid voldaan. Zoodat de Zoon van God, om de menschheid te verlossen, zich tot eenen schuldige gemaakt heeft, of liever, schuldig heeft willen schijnen. Ziedaar hoever zijne liefde tot ons ging!

O mijn Verlosser! wie ben ik, dat Gij mij zoo bemind hebt ? En wat hebt gij van mij in rui) voor zooveel liefde ontvangen ? Ach! ik beken overwonnen te zijn; mijn hart, eindelijk door uwe goedheid o getroffen, belooft om U onvoorwaardelijk en voor altijd te beminnen.

Oefening. — Eenige werken van boetvaardigheid doen in vereeniging met de boetedoening van het vloeech geworden t Woord.

J

ocr page 74

70

Geebteujk boeket. — De rechtvaardigheid en de vrede hebben elkander omhelsd. (Psalm.)

VOORBEELD. '

Een verschijning van het kind Jesus.

De H. Coletta bad eens de H. Maagd om hare lusschenkomst voor de zondaars.

Maria verscheen haar en zeide tot haar,

terwijl zij haar in eene soort van bekken haar goddelijk Kind toonde, dat geheel opgereten en in stukken gescheurd waa:

„Mijne dochter ! heb medelijden met mijnen Zoon en met mij: zie, hoe de zondaars Hem behandelen!quot; (Bollandisten.)

19 JANUARI.

OVER TIK O OP DEN ZES EN TWINTIGSTEN dao DEB MAAND.

Het eemvig Woord heeft zich ran sterk zwak gemaakt.

Inleiding. — Beschouwen wij het Kind in de armen zijner moeder; het kan siich niet vrij bewegen, het is geheel ter beschikking van zijn schepsel.

Overweging. — Het eeuwig Woord, diende, dat de wonde der zonde den menech

ocr page 75

71

zoo Kwak en onbekwaam gemaakt bad om aan zijne vijanden te wederstaan, bedacht eene grootsche herstelling: van sterk en almachtig als Het was, is Het zwak geworden, Het bekleedde zich met de strafwaardige zwakheid der menschen, ten einde den mensch door de verdiensten dezer vernedering de noodige geestelijke kracht te verschaffen om over de aanvallen van het vleesch en der hel te zegevieren. Ziedaar, hoe het Woord kind is geworden. Het heeft behoefte aan melk, om zijn leven te onderhouden, en Het is zoo zwak, dat Het zich zei ven noch voeden, noch bewegen kan.

Pe Zoon van God, in deze wereld komende en zich met de menschelijke natuur bekleedende, heeft zijne kracht verborgen willen houden. „De sterkequot; zegt do H. Auguatinus, „heeft zich zwak willen maken, om door zijne zwakheid onze boosheid to herstellen en ons de zaligheid te verschaffen.*'

„Ziedaar dan,quot; voegt de H. Cyrillius er bij, „Hem, die de Hemelen regeert, in doeken gewonden en zelfs zijne armen niet kunnende uitsteken. Het was om ons zijne eigene kracht mede te deelen, dat Hij zich zoo zwak heeft gemaakt.quot;

Het was ook om over de krachten der bel te zegevieren en die ter neder te slaan. De leeuw uit Juda's stam heeft de vijan-

ocr page 76

72

delijke machten overwonnen en zijne zegepraal is de onze. In Hem ia het, dat wij alle genaden, alle kracht, alle hulp vinden ; want Hij heeft onze ellende en zwakheid slechts daarom op zich genomen om ons zijne waardigheid en macht mede te deelen en ons licht, onze rechtvaardigheid, heiligmaking en verlossing te zijn. Aldus is de schoone belofte van Isaias, toen hij naar de komst van den Messias verzuchtte, verwezenlijkt, en toen hij bad, dat de Hemelen mochten dauwen en de wolken den rechtvaardige regenen.

Oefening. — Het kind Jezus in de bekoring aanroepen.

Geestelijk boeket. — Daarin ligt zijne kracht verborgen. (Habakuk.)

VOORBEELD.

De kracht in de zwakte.

Het was door het gebed in het bidvertrek, dat zij ter eere van het kind Jezus, in haar klooster had opgericht, dat de eerbiedwaardige Margaretha van het H. Sacrament de verlossing verkreeg der stad Beaune, die door een vijandelijk leger werd bedreigd. Op hare stem keerden de inwoners, die reeds begonnen te vluchten, terug. „Men zal, zeide zij hun, „de macht van het kind Jezus zien. Het zal zijne macht in zijne geringheid en

ocr page 77

78

zijne kracht in de zwakheid zijner kindsheid wel toonen.quot; De vijanden verwijderden zich (Leven der eerbiedwaardige zuster.)

20 JANUARI.

OVKBWEGING Or DEN ZEVEN EN TWINTIGSTEN DAG DER MAAND.

Het eeuwig Woord, uit deu Yader ge-boreu, heeft zich aan ons gegeven.

Inleiding. — Het kind Jezus steekt de armen naar ons uit; met een hemelschen glimlach noodigt Het ons uit om Het aan ons hart te drukken.

O veeweging. — De grootste volmaaktheid van God, of liever geheel zijn wezen is dat Hij door zich zei ven bestaat en van niemand afhangt; terwijl de volmaakste en uitmuntendate schepselen niets hebben, dat zij niet van Q-od hebben verkregen. En deze opperste Majesteit is het, die zich zelve gegeven heeft. „Jaquot;, roept de H. Bernardus uit, „die slechts alleen aan zich zeiven behoort, heeft voor ons geboren willen worden en zich aan ons gegeven.quot; Die God, welke niets in staat is te overheerschen, is, in zekeren zin, door de liefde overwonnen geworden; zij heeft zoover gezegevierd, dat Hij de onze geworden is.

God bad verscheidene middelen te baat

ocr page 78

74

genomen, zooals weldaden, bedreigingen en de beloften om de harten der menschen te winnen; maar Hij bad niet het uitwerksel daarvan verkregen, wat Hij verlangde. Eindelijk deed, ïooals de H. Augustinus opmerkt, zijne oneindige liefde Hem in het mysterie der Menschwording het middel vinden om zich geheel aan ons te geven, ten einde ons te verplichten om Hem met geheel ons hart te beminnen. En ziet, daar is Hij uit den Hemel in een stal nedergedaald, een klein kind geworden, voor ona geboren en geheel aan ons gegeven. Dit is het, wat de engel wilde te verstaan geven, toen hij tot de herders zeide: „u is heden , een verlosser geboren!quot; O menachen! begeeft u naar de grot van Bethleëm en aanschouwt het Kind, dat gij daar in eene kribbe op stroo zult vinden liggen, bevende van koude en weenende! Het is uw God, die zijne liefde tot u zoover gedreven heeft, dat Hij u niet slechts van zijne goederen heeft willen mededeelen, maar zich ook zeiven geven. O mijn God! het groot .verlangen, dat gij hebt om u van de menschen te doen beminnen, maakt u verkwistend met U zeiven. Hoe zouden wij een God, die ons zoozeer bemind heeft, niet kunnen beminnen!

OjsrENiNG. — Zijne liefde tot God opwekken door de beaehouwing der kribbe.

ocr page 79

75

Geestelijk boeket. — Hij heeft zich geheel aan ons gegeven zonder eenig voorbehoud. (H. Joannes Chrysostomaa.)

VOORBEELD.

De gastvrijheid.

Een edelman, die den H. Antonius van Fadua gastvrijheid verleend had, zag een schitterend licht uit de kamer stroomen, welke de Heilige betrokken had. Hij kwam naderbij en zag toen boven een boek, dat Antonius geopend vóór zich hield, het schoonste kind, dat men met mogelijkheid kon zien. Het was het kind Jezus, dat zijnen trouwen dienaar teederlijk omhelsde. Levens der Heiligen).

21 JANUARI.

OVERWEGING OP DEN ACHT EN TWINTIGSTEN DAG DER MAAND.

Het eeuwig Woord heeft zijn staat yan geluk met een staat van droeflieid verwisseld. Inleiding. — Stellen wij ons het goddelijk Kind voor, dat in i ij no wieg van droefheid en koude tranen stort!

Otebwegino. — Onze goddelijke Verlosser is ons door zijne voqrbeelden, meer

ocr page 80

76

nog dan door zijne woorden, komen leeren, dat wij onze zinnen moeten versterven, en ziedaar waarom Hij den staat van geluk, die Hem van natuur eigen is, verliet en een staat van droefheid aanvaardde.

Het gansche leven van den goddelijken Meester was een aanhoudend lijden en droefheid. Bepalen wij ons tot zijne geboorte!

Van het eerste oogenblik zijner ontvangenis af, met het volle gebruik der reda begaafd, verduurt het kind Jezus gedurende negen maanden de duisternis der gevangenis, waarin zijne liefde Hem geplaatst heeft; Hij verduurt de smart van zich aan geen eniele beweging te kunnen overgeven, en Hij weet volkomen wat Hij lijdt. Wanneer Hij eindelijk den moederlijken schoot verlaat, is het dan om het leven te gaan genieten? Neen, het is om nog meer te lijden. Hij zal in het midden van den winter geboren worden in eene grot, die tot schuilplaats der beesten dient in het midden van den nacht en in zulk eene behoeftigheid, dat er noch vuur is om Hem te verwarmen, noch doeken genoeg om Hem voor de koude te behoeden. Ach! hoe leert de grot van Bethleëm ons de liefde tot het lijden! „Daar,quot; zegt een godsdienstig schrijver., „is alles ongevallig en smartelijk; het gezicht wordt er onaangenaam aangedaan door de

ocr page 81

77

ruwheid en donkerheid der wouden; het gehoor door het geschreeuw van het ?ee; de reuk door de mest; het gevoel door het stekelige stroo en de hardheid der kribbe.quot;

O mijne vleeschelijkgezinde en grove ziel! hoort gij de lessen niet, door Jezus aan uwa zinnelijke geneigdheid gegeven? Ach! kunt gij nog uw gemak en voldoening zoeken, nu de eeuwige Koning der stad van gelukzaligheid zich tot zulk een uiterste van kommer en leed gebracht heeft?

Oefening. — Ter eere van de smarten van het kind Jezus versterving doen.

Geestelijk boeket. — 0 Heer Jezus! ik kan TJ nooit ergens anders vinden dan op het kruis! (D. van Ostia.)

VOORBEELD.

Altijd op het kruis.

Zekere Magdalena Orsini verkeerde sedert een geruimen tijd in eene groote ontstel tenis en droefheid des geestes. Eens verscheen haar Jezus, ten einde haar door den aanblik van zijn lijden te versterken, aan het kruis hangende en vermaande haar om met geduld te lijden. „Maar, Heer!quot; antwoordde Magdalena, „Gij zijt slechts eenige uren aan het kruis geweest, terwijl ik sedert verscheidene jaren in smart en kwelling ben.quot; De gekruiste Jezus hernam-. „Wat

ocr page 82

78

hebt gij daar in uwe onwetendheid gezegd! Van het eerete oogenblik af dat ik mij in den schoot mijner Moeder bevond, leed ik in mijn hart alles, wat ik later aan het kruis leed.quot; (H. Alphonsus de Liguorio.)

22 JAKTJAEI.

OVEUWLG1KG 01' DEN NEGEN-EN-TWINHOSTEN DAG DEK MAAND.

Het eeuwig Woord heeft zicli van rijk arm gemaakt.

Isleidiko. — Begeven wij ons met een. heiligen eerbied in de arme en naakte grot, in welke het kind Jezus te midden van zulk een volslagen gebrek heeft willen geboren worden!

Oveeweging. — De vossen hebben hunne holen en de vogelen des hemels hunne nesten, en de Zoon des menschen heefc niets om zijn hoofd op te laten rusten. Het was om ons de verachting der rijkdommen te leeren, dat Jezus in zulk eene volslageno armoede heeft willen geboren worden. „Ee armoedequot;, zegt de H. Bernardus, „bestond niet in den Memel; zij was alleen maar op aarde te vinden; doch de mensch was onbekend met hare waarde en zocht haar niet. Ziedaar waarom de Zoon Gods, door liefde tot haar ontstoken, uit den Hemel daalde

ocr page 83

79

en haar tot de gezellin zijner geboorte en van zijn gansche leven verkoos, opdat wij haar door zijn voorbeeld zouden achten en zij ons kostbaar zoude zijn.quot; Daarom is het dat Hij in zijn openbaar leven.er op aanhield om dikwijls te herhalen, dat de vossen hunne holen, de vogelen hunne nesten hebben; terwijl de Zoon des menschen niets heeft om zijn hoofd op te doen rusten. „Als gij dan hoopt, mocht Jezus tot zijne leerlingen zeggen, dat gij, door mij te volgen, uwe tijdelijke omstandigheden zult verbeteren, verkeert gij in eene groote dwaling, want ik ben op aarde gekomen, om de armoede te leeren. Dit is de reden waarom ik armer geworden ben dan de dieren, die ten minste nog eene schuilplaats hebben; terwijl ik op deze aarde niet het kleinste hoekje grond in eigendom bezit, waarop ik kan rusten ; en ik verlang dat mijne leerlingen zijn gelijk ik.quot; „De ware leerlingen van Jezus,quot; zegt de H. Hieronymus, „hebben en verlangen niets dan Jezus.quot;

Oepbning. ■— De armoede te beminnen in vereeniging met Jezus.

Geestelijk boeket. — De rijke God heeft zich arm gemaakt, om ons te verrijken. (Epistel van den fl. Paulus aan de Corinthers.)

ocr page 84

80

VOORBEELD.

Het deel van het kind Jezus.

De H. ïheresia, die edele en volmaakte ziel, had de gewoonte om zich groote verstervingen op te leggen. Ten einde zich nu nog meer op te wekken om de ontbe-ringeD, welke zij zich oplegde, met nog meer liefde te getroosten, zeide zij dikwijls, wanneer zij een gedeelte van haar voedsel ter zijde legde: „Dit is het deel van het kind Jezus.quot; (Levens der Heiligen )

'23 JANUARI.

OVERWEG1KO 01' DEN DERTIGSTEN DAG DER MAAND.

Het eeuwig Woord lieeft zich vsin zeer TerheTen gering gemaakt.

Inieidino. — Stellen wij ons Jezus klein en gering voor!

Ovebweqing. — De hoogmoed was de oorzaak van den val onzer eerste ouders. Het was, wijl zij zich niet aan den wil van hunnen Schepper wilden onderwerpen, dat zij zich zeiven in het ongeluk gestort en het geheele menschdom in bunnen val mede-gesleept hebben.

Ten einde dit ontzettend ongeluk te herstellen, veroorloofde God in zijne ontferming aan zijn Zoon, dat Hij zich vernederde tot

ocr page 85

81

het aannemen der menEchelijke natuur, met het doel, den mensch door zijn heldhaftig ■voorbeeld er toe te brengen, om de nederigheid te beminnen en den hoogmoed, waardoor men zich zoo afzichtelijk maakt inde oogen der menschen en in die van God, te verafachuwen.

De H. Bernardus, hierover sprekende, noodigde de geloovigen uit om dikwijls de grot van Bethleëm te bezoeken. „Gij zult er,quot; zeide hij, „iels in vinden om te bewonderen, om te beminnen en om na te volgen.quot;

Iets om te bewonderen. — Een God in een stal! Een God op het stroo eener kribbe! Hij, dien Isaïas gezien heeft, zittende op een glorietroon in het hoogste der hemelen, is nedergedaald in het verblijf der dieren!

Iets om te beminnen. — Waartoe al die vernedering, zoo niet als om zijne lessen welsprekender te maken en ons te toonen welken prijs Hij hecht aan de heiligmaking onzer zielen.

Iets om na te volgen. — Wat zegt het kind Jems in de kribbe tot ons? Hij roept ons nu reeds door zijne vernedering en verootmoediging toe, wat Hij ons later in zijne redevoering zal leeren, namelijk, dat men ootmoedig van hart moet zijn, 'om recht te hebben op het rijk der Hemelen.

6

ocr page 86

Oefening. — Eenige daden van ootmoed verrichten ter eere van de vernederingen van het kind Jezus.

Geestelijk boeket. — Leert van mij, dat ik zachtmoedig en nederig van harte ben! (Evangelie van den H. Mattheus.)

VOORBEELD.

Een antwoord van Maria.

De H. Catharina de Eicci, eens aan de H. Maagd gevraagd hebbende, wat zij kon en moest doen om aangenaam te zijn aan het kind Jezus, verkreeg van haar dit antwoord; „Mijne dochter! om aan mijn goddelijk Kind te behagen, moet men ootmoedig en gehoorzaam zijn.quot; (Leven dier Heilige.)

24 JANTJAEI.

OVERWHGING OP DEN EEN EN DEETIG8TEN DAG DEK MAAND.

De drie begeerlijkheden.

Inleiding. — Verbeelden wij ons dat het kind Jezus in zijne kribbe gaat staan als in een kansel, en ons van daar nog eens de verhevene lessen doet hooren, welke wij gedurende de laatste dagen overwogen hebben, en welke het goed is, in het kort zamen te vatten, om de onschatbare herinnering daamn vast in onze zielen te prenten!

i

ocr page 87

83

Overweging. — De H.Joannes leert ons, dat alles in de wereld is óf begeerlijkheid des vleegches, óf begeerlijkheid der oogen, óf hoovaardij des levens. Dusdanig zijn de drie rampzalige hartstochten, die zich na de zonde van onzen eersten vader van den mensch meester maakten en hem beheersch-ten: de liefde tot de vermaken, tot de rijkdommen en de eer, welke den hoogmoed doet geboren worden

Het eeuwig Woord is vleesch geworden, is in deze wereld gekomen, om ons door zijn voorbeeld deze drie groote vijanden te leeren overwinnen. Het Woord is, zooals wij zulks gedurende de laatste drie dagen overwogen hebben en wij ons nooit genoeg voor den geest kunnen halen, om uit deze geestelijke oefeningen al het nut te trekken, wat het goddelijk Kind verlangt dat wij er uit trekken zullen, — hetWoordis, zegik,inderdaad vleesch geworden: eerstens, om ons de versterving der zinnen, welke zoo in strijd is met de liefde tot de vermaken, te leeren, heeft hij zijnen staat van geluk verlaten en dien van droefheid en smart omhelsd vervolgens, om ons de onthechting aan de goederen dezer aarde, die in strijd is met de liefde tot de rijkdommen, te leeren, is Hij van rijk arm geworden; eindelijk, om ons de nederigheid, die in strijd is met de

ocr page 88

84

zucht naar eer en roem, te leeren, heeft Hij, die hoog verheven was, den staat van nederigheid omhelsd.

Oefenisq. — De drie deugden, welke wij overwogen hebben, beoefenen.

Geestelijk boeket. — TJwe oogen zullen den meester zien, die u onderwijst, (Isaïas.)

VOORBEELD.

Het Kruis.

Christus is uit den Hemel op de aarde nedergedaald, om te lijden, en aijn geheele leven is een voortdurend lijden geweest. Om dit aan Ludwina te toonen, had zij eens een vizioen, waarin haar het goddelijk Kind, reeds op zeer jeugdigen leeftijd aan het kruis genageld, werd voorgesteld. (Leven v»n Ludwina.)

25 JANUARI.

ovekweging op den twee-tn-dertigsten dag

De Getooorteplaats.

Ikleidikg. — Begeven wij ons voor de laatste maal in de grot van Bethleëm en beschouwen wij haar met eerbied en liefde!

Oteeweging. — Wij zullen de grot van Bethleëm verlaten, om het vervolg der feiten te overwegen, welke met de geboorte van den Verloeaer in verband staan. Maar voor

ocr page 89

85

wij deze gezegende grot verlateü, willen wij met Albert den Groots de twee beweegredenen vermelden, waarom de Verlosser in ■ een stal, die aan den grooten weg gelegen was, geboren wilde worden!

De eerste, zegt deze groote godgeleerde, was om ons beter te doen beseffen, dat wij allen hier op aarde reizigers zijn en slechts al doortrekkerde verblijf houden. Wanneer men, op reis zijnde, zich in eene herberg bevindt, hecht men zich aan geen enkel voorwerp, want men weet dat men alles spoedig moet verlaten. Ach ! indien de mensch wat mindtr vergat dat hij op deze wereld een reiziger is naar zijne eeuwige woonstede op weg is, wie onzer zou zich aan de goederen dezer aarde kunnen hechten en zich zoodoende er aan blootstellen om de hemelsche te verliezen!

, De tweede beweegreden van den Verlosser was, volgens Albert den Groote, om ons door zijn voorbeeld te leeren, de wereld, die ons niets aanbiedt, wat in staat is om ons hart te bevredigen, te verachten. De wereld 11 is door den Zoon Gods, toen Hij mensch werd, geoordeeld en veroordeeld geworden, en met het uitspreken van dit oordeel is Hij in de stal van Bethleëm begonnen. Jezus wilde daar arm geboren worden, ten .if einde ons door zijn goddelijk voorbeeld aan

ocr page 90

86

te sporen om ons hart aan de goederen der aarde te onthechten, en het geheel en al voor de liefde tot God en de deugd te bewaren. „Het was,quot; merkt de H. Cassianus aan, „om ons te voeren op een nieuwen weg, tegenovergesteld aan dieii der wereld, welke de armoede haat en vlucht.quot;

Oveeweging. — Gaarne bij het begin zijner overwegingen zich in den geest in den stal van Bethleëm begeven, om er te bidden.

Geestelijk eoeket. — De grot van Bethleëm is de school van Christus. (De H. Bernardus.)

VOORBEELD.

De H. Camillus de Lellis.

Deze roemruchtige Heilige bekeerde zich uit liefde tot het mysterie der kindsheid van Jezus. Dikwijls hoorde men hem uitroepen: „Wereld, ik wil niets meer van u weten!quot; (Leven van dien Heilige.)

26 JANÜAEI.

OVEKWEGING OP DEN DRIE EN DERTIGSTEN DAG.

Toorstelling iu den tempel.

Inleiding, — Maria draagt Jezus. Jozef vergezelt hen zwijgende.

Oveeweging. — De tijd was gekomen,

ocr page 91

87

waarop Maria, volgens het voorschrift der wet, zich naar den tempel moest begeven en er Jezus aanbieden. Zij gaat er dan met haren kuiachen echtgenoot heen. Jozef draagt de twee tortelduiven, die geofferd moesten worden, en Maria neemt in hare armen het lieve Kind, het goddelijk Lam, dat zij den Heer zal aanbieden. Het was het voorspel van het groote offer, dat ditzelfde vleeschgewor-den quot;Woord eens aan het kruis zou voltrekken.

Beschouwen wij die heilige en teedere Maagd, terwijl zij den tempel binnentreedt, en in naam der geheele menschheid haar god-delijken Zoon aanbiedt! Zij zegt: „Eeuwige Vader! zie hier uw eenigen Zoon, die ook de mijne is! Ik offer Hem U als een slachtoffer, om uwe rechtmatige gramschap tegen de zondaars te stillen. Ontvang Hem, o God van erbarming! Heb medelijden met onze ellende! Neem uit liefde tot dit geslachtofferde lam de menschen in genade aan!quot;

Jezus voegt zijne offerande bij die van Maria. „Zie mij hier,quot; zegt Hij, „zie mij hier, o mijn Vader! Ik wijd U mijn gansche leven toe. Gij hebt mij onder de menschen gezonden, om hen door het storten van mijn bloed te verlossen. Ziehier mijn bloed, ziehier mij zei ven; ik offer mij geheel aan TJ voor de zaligheid der wereld!

Ach lief en edelmoedig Kind, als Gij

ocr page 92

88

uwen Vader uw leven uit liefde tot ons opoffert, is het billijk, dat ik ook U mijn leven en geheel mij zeiven ten offer breng. En ook gij, Maria, o mijne Moeder ! neem mij voor altijd als uwen dienaar aan ! Als ik uw dienaar ben, dan ben ik ook de dienaar van Jezus!

Oefenins. — God in vereeniging met de opdracht in den tempel eene niet al te lichte versterving ten offer brengen.

GrUESIELIJK JiOEKET. - Hij heeft zich zeiven als slachtoffer voor ons aangeboden. (Epistel van den H. Paulus aan de Ephesen.)

VOORBEELD.

De bloemen en het kruis.

Miirgaretha Allegri werd op den dag harer eerste H. Kommunie.begunstigd met eene verschijning van de H. Maagd, met het kind Jezus op den arm. Het Kind had in de eene hand een prachtvol boeket en in de andere een kruis. Jezus, aan de jonge kom-munikante de beteekenis daarvan uitleggende, zeide haar, dat de bloemen, die Hij het meest beminde, de deugden waren, en inzonderheid de deugden van gehoorzaamheid, zuiverheid en onthechting aan de tijdelijke dingen. Hij voegde er bij, dat men, om deze bloemen te bewaren, vele beproevingen moest lijden, hetgeen voorgesteld was door het kruis.

ocr page 93

89

27 JAMJAM.

overweging op denvier-en-deetigsten dag.

De vervolging van Herodes.

Inleiding. — De voetstappen der krijgslieden weerklinken; zij zoeken op bevel van Herodes het kind Jezus.

Oveewegino. — Een engel verscheen in den slaap aan den H. Jozef; hij deelde hem mede, dat Herodes het Kind zocht om het te dooden, en beval hem om met het Kind en deezelfs Moeder onmidellijk naar Egypte te vertrekken.

Nauwelijks geboren, wordt Jezus tot den dood toe vervolgd. Herodes was voor Hem het beeld dier rampzalige zondaars, die, wanneer zij Jezus door de genade hun hart zien binnengaan, door hervalling in de zonde Hem op nieuw tot den dood toe beginnen te vervolgen.

De H. Eulgentius roept te dien opzichte uit: „Wreede Herodes! waarom laat gij moorden, waarom Blachtoffert gij aan uwe zucht om te regeeren zooveel onschuldige kinderen? Waartoe die verwarring en onrust, die u zulk eene gruweldaad doen begaan? Ach! gij vreest dat de Messias, die pas geboren is, u uwe kroon ontnemen zal! Maar zie uwe dwaling in! Die koning, die

ocr page 94

90

geboren is en wiens komet u zulk eene vrees inboezemt, wil de machten dezer wereld niet door de Kracht der wapenen bestrijden en overwinnen; Hij is in de harten der men-schen kcmen regeeren, ze onderwerpen door uit liefde tot hen te lijden en te sterven. Hij, die beminnelijke Verlosser onzer zielen, is gekomen niet om gedurende zijn leven oorlog te voeren, maar alleenlijk om over de liefde der menschen te zegevieren wanneer Hij zijn offer zal voltrokken hebben en aan het kruis zal geslachtofferd zijn. Later zal Hij dit zelf getuigen, door te zeggen; „quot;Wanneer ik van de aarde zal opgeheven zijn, zal ik alles tot mij trekken.quot;

Verafschuwen wij de wreedheid van Hero-des, en zien wij, hoe ver de eerzucht den mensch brengen kan, wanneer hij die niet door het gezicht en het voorbeeld van den verootmoedigden Jezus tracht te onderdrukken.

Oeïenino. — Vermijdt de eerzucht.

Geestelijk uoeket. — Herodes zoekt het Kind, om het te dooden. (Evangelie van den H. Mattheug.)

VOORBEELD.

De vervolging der zondaars.

De eerbiedwaardige Johanna van Je?.us en Maria, eene religieuze van de orde van den H. Franciscas, eens de vervolging van

ocr page 95

91

hit kind Jezus door Herodes overwegende, hoorde een groot gerucht, gelijk aan dat van gewapende lieden, die iemand vervolgen. Daarna zag zij een kind,, schitterende van aanminnigheid en schoonheid, voorbij haar gaan en buiten adem wegvluchten. Het schoone kind bleef een oogenblik bij de zuster staan en zeide haar: „Johanna! sta mij bij, verberg mij! Ik ben Jezus van Nazareth, ik vlucht voor de zondaars, dio mij vervolgen en mij, gelijk Herodes ter dood willen brengen. Ëed mij!quot; (H. Alphon-sus de Liguorio)

28 JANUA.EI.

OVEKWEOIKG 01' DEN VIJF BN DERTIGSTBN DAG.

De ylucht naar Egypte.

Inleiuinq. — Jozef, beladen met de geringe benoodigheden der Heilige Familie, gaat naast Maria, die Jezus draagt.

Oveeweging. — Zonder verwijl gehoorzaamt Jozef aan het bevel van God en waarschuwt de H. Maagd. Hij neemt eenige werktuigen mede, om zijn bedrijf in Egypte te kunnen uitoefenen en door zijn handenarbeid in de behoeften van het arme gezin te kunnen voorzien. Van haren kant heeft Maria eenige doeken voor Jesus bij elkan_

ocr page 96

92

der gebonden, en de wieg naderende, waarin Hij sluimert, knielt zij neder, kust de voeten van haar welbeminden Zoon en, door vertedering weenende, zegt zij: „O mijn Zoon en mijn God! Gij hebt het vleesch aangenomen, om de menechen te redden, en nauwhjks zijt gij geboren, of zij trachten TJ ter dood te brengen!quot; Vervolgens neemt zij Hem in hare armen, en voortgaande mot weenen, sluiten de twee heilige echtelingen de deur hunner woning en begeven zich in den nacht op weg.

Onder den weg is het Jtzus alleen; waarmede hunne gedachten sich bezig houden; Hij alleen is het onderwerp hunner gesprekken. Zij spreken van zijn geduld en liefde, en dit verlicht hun de vermoeienissen en onaangenaamheden van zulk eene lange en moeielijke reis. Hoe zoet is het, in het gezicht en in het bijzijn van den lijdenden Jezus te lijdenI O mijne ziel! vergezel in den geest de drie zalige reizigers ; dat de moeielijkheid van hunnen weg uwe deelneming opwekke, en vraag aan de Moeder, om haar lieven Jezus in uw hart te mogen dragen!

In de woestijn was gedurende koude en sombere nachten de naakte grond hunne legerstede, en Jezus weende van smart. Welk hart zou met Maria en Jozef niet

ocr page 97

93

weenen, bij het zien van den Zoon van God, die zich tot een klein, arm en verlaten kind heeft gemaakt, en genoodzaakt is om, ten einde den dood te ontkomen, door de woestijn te vluchten!

Oefening. — Soms in zijne verbeelding in gezelschap van het arme, lijdende kind Jezus de woestijn doortrekken.

Geestelijk boeket. — De vlucht naar Egypte. (Epangelie volgens den H. Mattheus.)

VOORBEELD

Een medelijden, dat aangenaam aan het kind Jezus is.

De bediening der armen in de gasthuizen had voor eene zeer godvruchtige religieuze eene groote aantrekkelijkheid. Het kindjezus beloonde haar op deze wijze. Hij verscheen haar met zijne Moeder, vluchtende naar Egypte. De zuster, door medelijden getroffen, vroeg aan Maria om haar te vergunnen het Kind te dragen, ten einde haar daardoor eenige verlichting te verschaffen. Maria antwoordde, dat het beste middel om haar te helpen bestond in voort te gaan met de armen te bedienen, zooals zij tot dusverre gedaan had.

ocr page 98

94

29 JAN IJ AKI.

OVERWEGING OP DEN ZES EN DERTIGSTEN DAG.

Het verblijf in Egypte.

Inleiding. — Treden wij de nederige woning binnen, welke Jezus te Heliopolis bewoont, en bewonderen wij op nieuw de vernedering van onzen God!

Oveewegikg. —Het was om een harder en meer veracht leven te leiden, dat Jezus zijne eerste kindsheid in Egypte wilde door-brengen. Hij bleet zeveE jaar in deze ballingschap , bewoonde een zeer armoedig verblijf, was in dit land onbekend en veracht en zonder vrienden of bloedverwanten.

Daar was het, dat Maria het eerste kleedingstuk voor haar Kind vervaardigde; daar was het, dat Jezus begon te loopen en den H. Jozef in zijnen arbeid behulp zaam was.

O eerste kleedingstuk, eerste stappen, eerste woorden, eerste diensten van het kind Jezus! Aanbidden wij in stilte en laten onze harten door dit schouwspel getroffen worden en van liefde ontvlam-men! Een God, die wankelt en valt, als Hij poogt te gaan ! Een God, die zoo zwak geworden is, dat Hij slechts voor de kleinste huiselijke diensten geschikt is, dat

ocr page 99

95

Hij geen stuk hout, dat een weinig zwaar is, kan optillen, daar het gewicht daarvan de krachten van een kind van zijn leeftijd overtreft. O vleeschgeworden Woord ! Met een door liefde ontvlamd hart vereer ik de eerste schrede, die Gij in Egypte, uw ballingsoord, deedt! Stilzwijgend hoor ik naar de eerste woorden des eeuwigen levens, die Gij U door de overmaat van liefde voor mij tot zulk een staat van vernedering gebracht hebt!

Men zegt, dat toen Jezus in Egypte kwam, al de afgodsbeelden van dat land omvielen. Vragen wij aan God de genade om dit goddelijk Kind uit geheel ons hart te beminnen, opdat alle afgodsbeelden van aardsche gezindheid uit onze ziel verdwijnen en de liefde tot Jezus daar voor goed moge binnengaan![ /

Oefening. — Afstand doen van eene al te groote gehechtheid aan iets.

Geestelijk boeket. — O God van mijn hart. Gij zijt voor immer mijn deel! (Boek der Psalmen.)

VOORBEELD.

Het heilig naamcijfer.

Christus verscheen eens aan den eerbied-waardigen Troncisus Nolascus in de gedaante van een klein kind, door glansrijk licht

ocr page 100

94

29 JANTJAEI.

OVEKWECIXO or DEN ZES EN DERTIGSTEN D\G.

Het verblijf in Egypte.

Inleiding. — Treden wij de nederige woning binnen, welke Jezus te Heliopolis bewoont, en bewonderen wij op nieuw de vernedering van onzen God!

Oveeweöikg. —Het was om een harder en meer veracht leven te leiden, datJezus zijne eerste kindsheid in Egypte wilde doorbrengen. Hij bleef zeven jaar in deze ballingschap , bewoonde een zeer armoedig verblijf, was in dit land onbekend en veracht en zonder vrienden of bloedverwanten.

Daar was het, dat Maria het eerste kleedingstuk voor haar Kind vervaardigde;

daar was het, dat Jezus begon te loopen en den H. Jozef in zijnen arbeid behulpzaam was.

O eerste kleedingstuk, eerste stappen,

eerste woorden, eerste diensten van bet kind Jezus! Aanbidden wij in stilte en laten onze harten door dit schouwspel getroffen worden en van liefde ontvlam- T men! Een God, die wankelt en valt, als Hij poogt te gaan! Een God, die zoo zwak geworden is, dat Hij slechts voor de kleinste huiselijke diensten geschikt is, dat .

ocr page 101

95

Hij geen stuk hout, dat een weinig zwaar is, kan optillen, daar het gewicht daarvan de krachten van een kind van zijn leeftijd overtreft. O vleeechgeworden Woord ! Met een door liefde ontvlamd hart vereer ik de eerste schrede, die Gij in Egypte, uw ballingsoord, deedt! Stilzwijgend hoor ik naar de eerste woorden des eeuwigen levens, die Gij TJ door de overmaat van liefde voor mij tot zulk een staat van vernedering gebracht hebt!

Men zegt, dat toen Jezus in Egypte kwam, al de afgodsbeelden van dat land omvielen. Vragen wij aan God de genade om dit goddelijk Kind uit geheel ons hart te beminnen, opdat alle afgodsbeelden van aardsche gezindheid uit onze ziel verdwijnen en de liefde tot Jezus daar voor goed moge binnengaan!{ /

Oefening. — Afstand doen van eene al te groote gehechtheid aan iets.

Geestelijk boeket. — O God van mijn hart. Gij zijt voor immer mijn deel! (Boek der Psalmen.)

VOORBEELD.

Het heilig naamcijfer.

Christus verscheen eens aan den eerbied-waardigen Troncisus Nolascus in de gedaante van een klein kind, door glansrijk licht

ocr page 102

96

omringd en met het naamcijfer I. H. S, geteekend. De stralen van dit licht dreven de duivels op de vlucht. Het kind zeide tot zijn getrouwen dienaar, dat hij door de kracht van zijn naam talrijke overwinningen op de geesten der duisternis zou behalen. (Leven van den Eerbiedwaardige.)

30 JANUARI.

OVERWEGING Ol1 DEN ZEVEN EN DERTIGSTEN DAG.

Terugkomst in Palestina.

Inleiding — Maria en Jozef zijn op het brandende zand der woestijn gezeten. Jeaus zit naast hen. Het heilig gezin doet zwijgend zijn eenvoudig maal.

Oveeweginq. — Toen Herodes gestorven was, verscheen de engel andermaal aan Jozef en becal hem om met het Kind en zijne Moeder uit de ballingschap terug te keeren. Zij gehoorzaamden, en Jezus, de hand aan Maria en Jozef gevende, nam de terugreis naar het vaderland aan.

De H. Bonaventura doet opmerken, dat de terugreis vermoeiender moet geweest zijn dan de vlucht, want Jtzus was te zwaar geworden om lang op den arm gedragen te kunnen worden en Hij was nog te zwak, om een langen weg te voet af te leggen.

ocr page 103

97

Men was dus gecoodzaakt oin in de woea-tijn dikwijls stil te houden.

Zoowel onder het gaan als wanneer zij rusten, houden Matia en Jozef niet op, hunne oogen op het aanbiddelijk Kind, het voorwerp hunner gedachten en hunner liefde, gevestigd te houden. Met welk eene ingetogenheid bewandelt eene ziel den levensweg, wanneer zij het geluk heeft van nooit de liefde en de voorbeelden van den Verlosser uit het oog te verliezen! Als zij spraken, dan was het van Jezus of met Jezus. Die Jezus in zijn hart draagt,'spreekt of met of van Jezus.

Mijn welbeminde Verlosser! dikwijls heb ik TJ uit mijne ziel gebannen, ik betreur dit uit geheel mijn hart.' Maar daar ik ten minste vertrouw, dat Gij op dit oogenblik in de ziel, waaruit ik ü nooit had moeten verbannen, zult zijn teruggekeerd, zoo bindt Imar nauw aan U door de zoete ketenen Uwer liefde: ik wil mij niet meer van U verwijderen 1 Liever sterven, mijn God ! dan U ooit door doodzonden te beleedigen!

OEFENiNff. — De vermoeienissen van zijn staat verdragen in vereeniging met de vermoeienissen van Jezus bij de terugkomst uit Egypte.

Geestelijk boeket. — Die Jezus in zijn hart draagt, spreekt slechts van Jezus of met Jezus.

7

ocr page 104

98

VOORBEELD.

De goddelijke wil.

Eene zeer echoone en voortreffelijke oefening ter eere van het kind Jezus bestaat daarin, dat men Het dikwijls vraagt, dat zijn goddelijke wil vervuld worde. Zuster Catharina van den H. Angustinus had eens een vizioen van de H. Maagd, die haar het kind Jezus te dragen gaf. De goddelijke meester vroeg toen aan zijne getrouwe dienstmaagd, wat zij verlangde. Zij gaf daarop niet anders ten antwoord dan: „Dat TJw heilige wil geschiede!quot; Het kind Jezus behaagde dit antwoord zeer.

31 JANUAlil.

OVERWEGING CP DEN ACHT EN DERTIGSTEN D.AG*

Nazareth.

Inleiuiso. — Beschouwen wij met liefde dat kleine huis, waarin Jezus zich gedurende de jaren zijner kindsheid en jongeling-echap aan de oogen der wereld gaat ontrekken !

OvEBW£(iiKG. — Bij zijne aankomst in Palestina vernam Jozef, dat de zoon van Herodes in Judea regeerde, en hij vreesde zich daar te vestigen. In den slaap on-

ocr page 105

99

derricht zijnde, ging hij naar Nazareth, eens stad in GaliJea, waar hij zich in een armoedig huis met ter woon vestigde. Gelukkig huis van Nazareth I ik groet en vereer u. De dag zal komen, waarop de machtigsten dezer aarde u zullen komen bezoeken; waarop men van verteedering zal weenen bij de gedachte, dat de Meester van Hemel en aarde zich gewaardigd heeft om bijna zijn gansche leven binnen uwe muren te slijten!

Hoe leefde Jezus te Nazareth ? Hij leefde er arm en veracht; ais een eenvoudig handwerksman arbeidende, en in alles aan Maria en Jozef gehoorzamende. Welk een hartroerend schouwspel, te zien hoe de Zoon van God als een dienstknecht in deze armoedige woning leeft! Hij putwater. Hij opent en sluit de nederige werkplaats, Hij veegt het huis. Hij zoekt hout bij elkander om te branden. Hij werkt met Jozef! O wonder! een God, die als een eenvoudig leerling dient! Vereeren wij al die dienstverrichtingen van Jezus; zij waren alle goddelijk ! Maar aanbidden wij vooral het nederig en verborgen leven, dat Hij in het huis van Nazareth leidde! Hoogm.oedigen! hoe kunt gij nog verlangen vertoon te maken en vereerd te worden, als gij uwen God dertig jaren van zijn leven in verborgenheid en

ocr page 106

100

onbekendheid ziet doorbrengen, ten einde u te leeren om in afzondering, nederigheid en vergetelheid te leven?

Aanbiddelijk Kind van Nazareth! sta mij toe dat ik gedurende de weinige dagen, die mij nog te leven overblijven, met U in de werkplaats van Jozef werke en lijde in gezelschap van Uwe heilige Moeder!

OErESiNG. — Zijne werkzaamheden vereenigen met die \an Jezus te Nazaretb.

Geestelijk boeket. — Gaarne onbekend zijn en voor niets geteld willen worden. (Navolging van Christus).

VOORBEELD.

De wonderbaar teruggevonden sleutel.

De eerbiedwaardige pater Gerardus Ma-gella, een Eedemptorist, vond, nog kind zijnde, een bijzonder vermaak erinomeene kerk te bezoeken, waar men Maria met het kind Jezus op den arm vereerde. Eens toen hij zulk eene kerk binnentrad, kwam het kind Jezus hem te gemoet en bood hem, als zinnebeeld zijner eerste H. Kommunie, waarvan het tijdstip naderde, een klein wit brood aan. Later trad hij in dienst bij een meester, die zeer moeielijk te bedienen was, en waar hij duizend gelegenheden had om een heldhaftig geduld uit te oefenen. Eens had hij een sleutel in een regenbak laten

ocr page 107

101

vallen. Daar hij de uitbarBting van den toorn zijns meesters voorzag, wekt hij zijn vertrouwen op en neemt een beeldje van het kind Jezus, dat hij in den regenbak laat zakken, zeggende: „Gij moet het verlorene er uithalen, dat dit voorval mijnen meester geene aanleiding geve om ïich driftig te maken.quot; Vervolgens haalde hij in tegenwoordigheid van allen het beeldje wederom op: het had den verloren sleutel in de hand. {Leven van den eeriiedivanrdige.)

1 FEBEUAEI.

OVERWEGING OP DEN NEGEN EN DEBTIGSIEN DAG.

liet verliezen van liet kind Jezns in tien tempel.

Inleiding. —' quot;Weenende zoeken Maria en Jozef Jezus op den weg van Jeruzalem naar Nazareth.

Oveeweging. — Toen het Kind Jezus den ouderdom van twaalf jaar bereikt had, bleef Het na den afloop der plechtigheid van het Faaschfeest, waarmede Het zijnen hemelschen Vader door vasten, ontberingen, waken, gebeden en het bijwonen der offeranden, die de voorafbeeldingen van Zijn Offer waren, vereerde, drie dagen

ocr page 108

102

lang ie Jeruzalem. Toen Maria en Jozef hunnen Zoon vermisten, zochten zij Hem weenende; want niets is er op deze wereld, dat aan de droefheid gelijkt eener ziel, die Jezus oprechtelijk bemint en vreest dat zij zich wegens een misstap van haar verwijderd heeft. Zoodanig was de droefheid van Maria en Jozef, die in hunnen ootmoed vreesden dat zij zich der bewaring van zulk een kostbaren schat onwaardig gemaakt hadden.

Eindelijk vonden zij Hem op den derden dag te Jeruzalem in den tempel, waar Hij met de Schriftgeleerden, die over de vragen en antwoorden van dit Kind verwonderd en verbaasd stonden, redetwistte. „Mijn zoon!quot; zeide Maria, waarom hebt gij ons zoo gedaan? Zie, uw vader en ik hebben U met smarte gezocht!quot;

„Hoe is het,quot; antwoordde Jezus, „dat gij mij gezocht hebt ? Wist gij dan niet, dat ik zijn moest in hetgeen mijns Vaders is?quot; Ziedaar de eerste woorden van hetvleesch-geworden quot;Woord, welke het Evangelie vermeldt. Leeren wij daaruit, dat wij alles, vrienden en bloedverwanten, moeten verlaten, wanneer het de eer van God geldt; leeren wij ook uit dit mysterie, dat God zich laat vinden door die Hem zoeken!

Oefening. — In gezelschap van Maria en Jozef Jezus zoeken.

ocr page 109

103

Geestelijk boeket. — Wij zochten u met smarte. (Evangelie van den H. Lucas.)

VOORBEELD.

Een vermaarde Jezuïet, pater Julius Marinelli, was langen tijd aan groote zielesmarton ten prooi geweest, en hij smeekte God om hem daarvan te verlossen. Eens verscheen hem het kind Jezus, schitterende van glans en heerlijkheid, omhelsde hem, troostte hem en schonk hem den vrede zijner zie! terug.

2 EEBEUAEI.

OVERWEGING OP DEN VEERTIGSTEN EN LAATSTENDAG.

Achttien jaren te Nazareth. iNLEiDiira. — Gaan wij het huis van Nazareth binnen. Jezus werkt met Jozef; ook Maria is aan haren arbeid.

Overweging. — De Heilige Familie kwam te Nazareth terug, en de H. Lucas zegt ons, dat Jezus toenam in wijsheid en in ouderdom, en in welgevalligheid bij God en bij de menschen. Hetgeen wil zeggen, dat Jezus' verhevene wijsheid zich immermeer openbaarde en dat de werken van den God-mensch op zich zeiven voldoende waren om zijne genade en verdiensten te vermeerderen, niettegenstaande Hij reeds van den

ocr page 110

104

beginne af vol verdiensten en heiligheid waa.

Hij groeide ock op in beminnelijkheid bij de menschen, omdat hij eiken dag de aanspraken op onze liefde meer en meer deed kennen. Met welk een ijver gehoorzaamt Hij aan Maria en Jozef! Hoe ingetogen is Hij bij den arbeid! Welk eene welvoege-lijkheid neemt Hij bij zijne majiltijden in acht! Hoe bescheiden is Hij in zijn spreken! Hoe liefelijk en aangenaam zijn zijne gesprekken! Hoe godvruchtig is Hij in het gebed!

Maria en Jozef vonden er genoegen in om hunne oogen en hun hart door het schouwspel, dat zij voortdurend beschouwden, te laten verrukken, door elke handeling, elk woord, elke beweging, eiken stap van het vleeschgeworden Woord te bewonderen.

Groei op, beminnelijk Kind, groei op, om mij de deugden te onderwijzen, welke gij onderwees aan Maria en Jozef, die zoo op uwe voorbeelden letten en met zulk een ijver navolgden! Geef dan, mijn lieve Jezus, dat ook ik meer en meer in uwe genade en liefde toeneem!

Oefening. •— Het werk zijner volmaking onder de bescherming van Jezus, Maria en Jozef stellen.

Geestelijk boekei. — En hij nam toe

ocr page 111

105

in wijsheid en ouderdom, en in genade bij God en bij de menschen. (Evangelie van den H. Lucas.)

VOORBEELD.

Het bidvertrek van Nazareth.

De eerbiedwaardige zuster Margaretha van het H. Sacrament, alle bare medezusters willende doen deelen in de godsvrucht tot het kind Jezus, liet een bidvertrek inrichten, aan hetwelk zij den naam van Nazareth gaf en dat zij aan Jezus, Maria en Jozef toewijdde. Zij stortte daar dit gebed: „Wees hier, goddelijk Kind, de scbat en de toevlucht der armen, de troost der bedrukten, de steun en de kracht der zwakken, en hulp in alle ellende; dat allen er de almacht uwer Godheid onderbinden, en dat uwe goddelijke zuiverheid, uwe eenvoudigheid en onschuld van hier afvloeien op alle zielen, die TJ hier hare eerbewijzingen zullen komen aanbieden. (Leven der Eerbiedwaardige).

AKTE VAN OPDRACHT AAN HET KIND JEZUS.

Dit te bidden op den veertigsten dag der aan het goddelijk Kind toegewijde maand, den laatsten dag der oefening.

Heilig kind Jezus, die uit liefde tot de menschen in een stal hebt willen geboren

ocr page 112

106

worden, om ons van de zonde te verlossen en oeb tot U te trekken; wij danken TT met geheel het hemelsch hof, en wij erkennen TJ als onzen Schepper en Verlosser! Wij nemen TJ tot onzen Koning en Heer, en wij smeeken TJ om het offer van ons arm hart als een bewijs van hulde te willen aanvaarden. Gewaardig TJ bet aan te nemen, met het vaste voornemen, dat wij, hieraan uwe voeten nedergeknield, maken, om zooveel in ons is de deugden na te volgen, welke wij uit de mysteriën van uwe heilige kindsheid geleerd hebben!

ocr page 113

NOVJENE,

TER EEHE VAN DEN GEBOREN WORDENDE JEZUS.

Zij begint den 16den December.

lieer kom mij ter hdp — Glorie zij den Fader, enz.

I.

Mijn beminnelijke Jezus ! ik aanbid U ; ik dank het uwer onbegrensde barmhartigheid en liefde, dat Gij, ofschoon de oneindige majesteit, uit liefde voor mijne ziel TJ zoo diep vernederd hebt, van in den schoot der allerzuiverste Maagd Maria de menschelijke natuur aan te nemen; en ik smeek dat Gij mij door de oneindige verdiensten dezer zoo liefdevolle vernedering de ware verootmoediging des harten wilfc verleenen, alsmede de volharding in het goede tot aan mijn einde 1 Glorie zij den Fader, enz.

II.

Mijn zeer beminnelijke Jezus ! ik aanbid U; ik bedank U voor uwer onbegrensde barmhartigheid en liefde, waardoor Gij, die een God van oneindige grootheid zijt, uit liefde voor mijne ziel U gewaardigd hebt als een klein kind geboren te worden, ten einde U gemakkelijker van mij te doen beminnen;

ocr page 114

108

en ik smeek om mij door de verdiensten dezer oneindige liefde de genade te ver-leenen van TJ uit geheel mijn hart te beminnen en in de liefde steeds toe te nemen en te volharden tot aan mijn laatsten snik! Glorie zij den Vader, enz.

III.

Mijn zeer beminnelijke Jezus! ik aanbid U; ik dank u voor uwe onbegrensde barmhartigheid en liefde, die U uit liefde voor mijne ziel van den troon uwer heerlijkheid en gelukzaligheid tot ons heeft doen nederdalen, om, van de eerste oogenblikken uwslevens af, te lijden, aangezien Gij te midden van den nacht en in het gure jaargetijde in eene grot hebt willen geboren worden; en ik bid U, dat Gij mij door de verdiensten van uw onuitsprekelijk lijden den geest van boetvaardigheid en versterving tot aan het einde mijns levens wilt verkenen! Olorie zij den Vader, ene.

IV.

Mijn zeer beminnelijke Jezus! ik aanbid U; ik dank TJ voor uwe onbegrensde barmhartigheid en liefde, dat Gij, ofschoon Opperheer van het heelal, IJ uit liefde voor mijne ziel tot den armsten en geringsten der men-schen hebt willen maken, zoodat gij /.elfs in epne kribbe hebt wiüen liggen ; en ik bid U,

ocr page 115

109

dat Gij U gewaardigd om mij door de oneindige verdiensten van uwe uiterste armoede en geringheid de volmaakte onthechting aan mij zei ven en de goederen dezer aarde te verleenen! Glorie zij den Vader, enz.

V.

Mijn zeer beminnelijke Jezus! ik aanbid U, ik dank TJ voor Uwe barmhartigheid en liefde, dat Gij, die een almachtige God zijt, TJ uit liefde voor mijne ziel gewaardigt om een zwak, hulpbehoevend klein kind te worden; en ik bid U om mij door de verdiensten uwer liefderijke vernedering de noodige kracht te verleenen, om de vijanden van mijn eeuwig heil, zoolang mij nog een ademtocht rest, te overwinnen! Glorie zij den Vader, enz.

VI.

Mijn zeer beminnelijke Jezus! ik aanbid U; ik dank IT voor uwe onbegrensde barmhartigheid en liefde, dat Gij, die een God van eene oneindige heiligheid zijt, U gevdhardigd hebt om uit liefde voor mijne ziel de gedaante eens zondaars aan te nemen, en van uwe geboorte af de straf te ondergaan, die ik voor mijne zonden verschuldigd was, ten einde mij van de zondenschuld te bevrijden ; en ik bid U, om mij door de verdiensten uwer oneindige liefde de vergiffenis mijner

ocr page 116

110

zonden te verleenen, en eene tot aan mijn laatsten snik voortdurende droefheid van ze bedreven te hebben! Glorie zij den Vader, enz,

VII.

Mijn zeer beminnelijk Jezus! ik aanbid ü; ik dank 17 voor de onbegrensde barmhartigheid en liefde, dat Gij, die oneindig volmaakt en gelukkig uit TJ zeiven zijt, behoefte aan niet een uwer schepselen hebt, louter uit liefde voor mijne ziel IJ gewaard igd hebt mensch te worden, om U geheel aan mij te geven, en U van het eerste oogenblik van uwe geboorte af als een slachtoffer aan uwen hemelschen Vader voor mij op te dragen; en ik bid TJ om de verdiensten dezer overgroote bereidwilligheid mij zoo geheel de Uwe te maken, dat ik niet op-houde mij geheel voor TJ op te offeren! Glorie zij den Vader, enz.

Ant. Eene jonge moeder heeft een Koning gebaard, wiens naam onsterfelijk is; zij vereenigt in zich de vreugde eener moeder en de eer eener maagd; nooit zag men vóór haar, noch zal men na haar zien eene vrouw, die haar gelijk is. Alleluia.

v. De Heer heeft bekend gemaakt, alleluia.

b. De zaligheid, die Hij beloofd had, alleluia.

ocr page 117

Ill

gebed.

öeef, bidden wij TJ, almachtige God, dat de geboorte naar het vleeach van uwen eenigen Zoon ons, die door het oude juk der zonden in de siavernij teruggehouden worden, vrij make door denzelfden Heer Jezus Christus! Amen.

LIEFDE-ADEMENDE SAMENSPRAKEN VAN FENELON,

Op Kersmis.

Ik aanbid TJ, kind Jezus, dat daar weenende in de kribbe ligt! Ik bemin uwe kindsheid en armoede. Ach! wie zal mij geven, dat ik even arm en even zoo kind ben als Gij! O eeuwige wijsheid, ontneem mij mijne ijdele en laatdunkende wijsheid, maak mij met TJ een kind! Zwijgt, gij wijzen der aardel ik wil niets s;ijn, ik wil niets weten, ik wil alles gelooven, ik wil alles lijden, ik wil alles verliezen tot zelfs mijn eigen oordeel.

Gelukkig de armen, maar de armen van geest, die aan Jezus in zijne kribbe zijn gelijk geworden. O menschen die wijs zijt in uw denken, vooruitziende in uwe plannen, gedwongen en stijf in uwe gesprekken, ik vrees U; ik ben bang voor uwe grootheid, gelijk kinderen voor groote personen. Ik

ocr page 118

112

gevoel slechts behoefte aan kinderen der heilige kindsheid. Het vleeachgeworden Woord, het almachtige woord des Vaders zwijgt, stamelt, weent, slaakt kinderkreten ; en ik, ik zou mij verbeelden wijs te zijn en behagen scheppen in hetgeen mijn verstand regelt en schikt, en vreezen dat de wereld mijne bekwaamheid niet hoog genoeg zal schatten! Neen, neen, ik wil van die gelukkige kinderen zijn, die alles verliezen om alles te winnen; die zich om niets wat hen zeiven betreft, bekommeren; die het niet tellen, als men hen veracht en zich op hun oordeel niet verlaten. De wereld moge groot zijn zoolang het haar zal behagen ; de brave lieden zelfs mogen met eene goede meening en door den ijver voor groote werken dagelijks in voorzichtigheid, in voorzorg, in gematigdheid en in glans van deugden toenemen; wat mij betreft, mijn vermaak zal zijn om minder te worden, mij te vernederen, te verborgen, te zwijgen, voor dom gehouden te worden, om bij den hoon, den gekruisten Jezus aangedaan, mijne vernedering te voegen. Men moet liever met Hem in smarten willen sterven, dan zich met de wereld verheerlijkt te zien. De geringheid schrikt meer af dan de dood, daar de dood uit een beginsel van moed en grootmoedigheid ondergaan kan worden.

ocr page 119

113

Maar om voor niets meer geteld te worden, gelijk de kinderen, en zich zeiven niet meer te achten en dan tevens het smadelijke van zulk een toestand in deszelfs geheelen omvang met een juisten en doordringenden blik in te zien; ziedaar de onverdragelijkste foltering voor eene groote en heldhaftige ziel, welke het voorbeeld van het Kind niet navolgt.

O wijsheid, o moed, o rede, o eigen kracht! gij zijt het laatste, van hetwelk eene ziel, die aan zich zelve steifc, zich het moeilijkst ontdoet. Al het overige, dat men verlaat, heeft weinig aantrekkingskracht en is als een kleedingstuk, dat men met den vinger opligt, en dat zich niet aan ons hecht.

Helaas! ik hoor mijne rede, die mij zegt: hoe, moet gij ophouden redelijk te zijn? Moet gij worden als een krankzinnige, die men genoodzaakt is om op te sluiten? Is God niet de Wijsheid zelve? Komt de onze niet van God, en moeten wij bijgevolg niet naar hare inspraken luisteren? Maar er is een ontzettend groot verschil tusschen dwaselijk redeneeren en tusschen met rede begaafd te zijn. Wij zullen nooit zoo zeer toonen met rede begaafd te zijn, dan wanneer wij ophouden zoo te redeneeren. Door ons over te geven aan de goddelijke rede, welke door de onze, zwak en bedriegelijk

8

ocr page 120

114

als zij is, niet kan begrepen worden, zullen wij bevrijd worden van onze eigene wijsheid, die na oen zondeval van den rechten weg is afgedwaald, niet meer te vertrouwen is, niet ver meer strekt en ingebeeld en aanmatigend is; of, liever wij zullen verlost zijn van onze dwalingen, van onze onbezonnenheid en eigenzinnigheid. Hoe meer iemand door den geest Gods aan zich zeïven gestorven is, hoe meer bezonnen en bescheiden hij is, zonder er aan te denken het te zijn; want men vervalt slechts tot onbescheidenheid, door volgens zijn verstand, zijne inzichten en natuurlijke geneigdheid te leven, terwijl men nog op zijne wijze wil, denkt en spreekt. De volslagen dood onzer eigene meening zou in ons de ware en volkomene wijsheid van het Woord van God in het leven roepen. Het is niet door de kracht der rede in ons, dat wij'ons boven ons zeiven zullen verheffen; maar integendeel door de vernedering van ons zeiven, en vooral door het onderwerpen van onze eigene rede, die het dierbaarst deel van 's menschen wezen is, is het dat wij het meest aan het kind Jezus zullen behagen. Slechts door onze eigen leidsman te zijn, raken wij op het dwaalspoor. Wij zullen dus slechts voor dwalen gevrijwaard zijn, door klein, eenvoudig, overgegeven aan den Geest vaa

ocr page 121

115

God, gedwee en bereid tot elke lotsverandering te zijn, zonder vasthoudendheid en eigene zelfstandigheid, tegen niets in verzet te komen, geen eigen wil en gevoelen te hebben, geheel rondborstig uit te komen voor hetgeen ons op het hart ligt, en slechts te verlangen toe te geven, na het gezegd te hebben. Das is het, dat een klein kind zich van de eene plaats naar de andere laat brengen, zich laat opnemen en neder-leggen; het houdt niets verborgen, heeft niets, dat het alleen eigen is, het alleen toebehoort. Alsdan zullen wij niet meer wijs zijn, maar God zal het in en voor ons zijn. Jezus zal in ons spreken, terwijl wij meenen te stamelen. O kind Jezus! slechts de kinderen zijn het, die met TJ regeeren kannen!

OP DEN DAG DER liESSIJDEMS DES HtEREN.

O Jezus! ik aanbid ü onder het mes der besnijdenis. Hoezeer bemin ik U in deze vernedering en zwakheid! Ik zie U, geheel met schaamte overdekt, in de rij der zon daars geplaatst, onderworpen aan eene vernederende wet, bittere pijnen lijdende, en reeds in de eerste dagen uwer kindsheid den eersteling storten van dat bloed, hetwelk aan het kruis de losprijs der gansehe wereld zal zijn.

Gij treedt dus slechts de wereld in om te

ocr page 122

116

lijden. Gij neemt dadelijk den naam van Jezus aan, die Verlosser beteekent; en het is om de zondaars te redden, dat Gij U onder het getal lijdende zondaars plaatst. quot;Welk een zoete troost, o kind Jezus! verschaft mij het zien vloeien van uwe tranen en uw bloed! Hier is de aanvang van het mysterie van smarten en versmaadheid. O kostbaar slachtoifer! Gij zult grooter worden, maar het zal slechts zijn om tevens de bewijzen uwer liefde te doen toenemen. Gij vertraagt uwe offerande slechts, om ze grooter en pijnlijker te doen zijn.

Maar, helaas, Jezus! wat zie ik in uwe smarten? Is het eene zaak, die een teeder medelijden in mij moet opwekken? Neen, want het is over mij en niet over TJ, dat ik moet weenen. Ik kan uwe vernedering en lijden niet met aandacht beschouwen, zonder dadelijk te bemerken, dat het slechts ten mijnen behoeve is, dat Gij U vernedert en smarten lijdt. Het is om mijne aonden van hoogmoed en wekelijkheid uit te wiu-schen, het is om mij te leeren de schande, die ik verdien, te lijden en te dragen.. De weeke en lafhartige natuur huivert bij het zien van haren Verlosser, die als vernietigd en lijdende is; zij gevoelt zich door de kracht van dat voorbeeld verpletterd en vindt geene verschooning.

ocr page 123

117

Men moet dus zijn hart roorbereiden tot beschaming en bitterheid. Ja, ik wil, o Jezus I ik neem het kruis op, om uwe voetstappen te drukken. Als men mij veracht, zal men er reden voor hebben; de verachting, die ik voor mij zeiven heb, is oprecht gemeend in zoo verre, als ik daardoor toestem inde verachting, welke anderen mij toedragen. Welk eene onrechtvaardigheid, te willen, dat hetgeen ons laag en verachtelijk toeschijnt, onzen evennaaste verblinde! ik geef mij dan, o mijn Jezus! aan elke versmading, die het U behagen zal mij toe te zenden, over, er is geene zoo groot, die ik niet verdien. O aardworm! is het aan u, dat men eer moet bewijzen? O zondige ziel! wat hebt gij anders verdiend, dan het uitvaagsel der wereld te zijn? Kan ik, die uit het niet ben voortgebracht en uit mij zeiven niets dan zonde ben, laag genoeg geplaatst worden? IJdele en tegen uwen God ondankbare ziel! draag zonder morren de schande, die uw deel is.' Geen eer, geen goeden naam meer zal ik najagen! Al deze ijdele dingen moeten ten offer gebracht worden aan een Verlosser, die van ver-smaadheden verzadigd is. Ia er iets in u, dat geene vernedering vordert? TJw hoogmoed zelf maakt u nog ellendiger en ver-verachtelijker.

ocr page 124

118

Maar, helaas, o Jezus! tusschen algemeene gevoelens van ootmoed en de beoefening daarvan bestaat een groot verschil! Men groet het kruis, als het ver af is; maar ia het bij ons, dan hebben wij een afschrik er van. Ik neem mij heden voor, dat ik op het bloedig spoor, dat Gij mij hebt nagelaten, zal wandelen; maar als de ver-smaadheid en het kruis zich zallen vertoonen, dan zal mij al mijn moed begeven. Welke ijdele uitvluchten van betamelijkheid! quot;Welke schandelijke teergevoeligheid! Welke dui-velsche afgunst! Mijn God! ik spreek heerlijk over het kruis, en ik wil slechts den naam er van kennen ! Ik vrees het, ik vlucht het, het zien alleen doet mij ontstellen. Wat deert u, mijne ziel! Waarom mort gij, waarom wordt gij moedeloos en gaat gij bij al uwe vrienden een weinig troost bedelen ? Ach! het komt, wijl God mij vernedert en mij een kruis heeft opgelegd. Welnu, is het dit juist niot, wat gij Hem beloofd hebt te zullen beminnen? Wat deert u dan toch ? Wie verontrust u? Moet een Christen zich ontstellen, als hij gekregen heeft wat hij verlangde en zich gelijk gemaakt heeft aan den lijdenden Jezus? O Kind Jezus! geef mij in mijne smarten de eenvoudigheid der kindsheid I Mocht ik weenen, mocht ik zuchten, maak

ocr page 125

119

dat ik, ten minste, geen weerstand bied aaü uwe hand als zij slaat! Snijd het kwaad tot op het leven uit, brand het uit; hoe meer ik het lijden vrees, hoe meer het mij noodzakelijk is!

DE AANBIDDING DEE WIJZEN UIT HET OOSTEN.

Mijn God ! ik kom tot U en ik zal niet moede worden tot U te naderen; in mij zeiven heb ik niets, in U alleen vind ik alles. O ! hoe arm ben ik, hoe rijk zijt Gij! Maar wat bghoef ik ook rijk te zijn, daar Gij het voor mij zijt ? Ik aanbid uwe eeuwige Liefde; ik bemin mijne armoede; ik vind er behagen in, om niets in uwe oogen te zijn. Verleen mij heden uwen Geest, ten einde uwen door do Wijzen aangebeden Zoon tot een voorwerp mijner godvruchtige overwegingen te maken! Ik aanbid Hem met hen.

Deze Wijzen, die zoo wijs zijn, volgen, zonder bedenkingen of tegenwerpingen te maken, de ster; zij houden op naar de wereld wijs te zijn, om zich te onderwerpen aan een licht, dat het hunne overtreft. Hun gemak, hunne zaken, het gepraat van het volk, dit alles komt bij hen niet in aanmerking. Wat kan men van ben denken? Zij gaan, zonder te weten waarheen! Wat is er geworden van de wijsheid dier mannen,

ocr page 126

120

die anderen bestuurden? Welk eene Hcht-geloovigheid! Welk eene onbezonnenheid! Welk eene blinde en dweepzuchtige ijver! Aldus moet men gesproken hebben, toen men hen zog vertrekken. Maar zij telden voor niets de minachting der menschen, hunne geknakte fanm, zelfs hetgeen hunne eigene wijaheid, welke zij verzaken, hun ingeeft. Zij willen wel voor dwazen gehouden worden door de dwazen der wereld. Zij ondernemen eene lange, moeieüjke reis, maar weten, dat zij zullen vinden den nieuw-geboren Koning der Joden. Het is waar, zij z»n eene buitengewone ster; doch hoeveel andere, in den loop der sterren ervaren mannen zijn er, voor wie zij niets bovennatuurlijks heeft! Zij alleen zijn verlicht en tot in hun binnenste getroffen. Een inwendig licht van zuiver geloof geleidt hen met evenveel zekerheid als dat der ster. Na dat alles moet men zich piet meer verwonderen, als zij zonder moeite er toe overgaan, om een artn klein kind, in eene kribbe liggende, te aanbidden. O! hoe klein zijn zij geworden die grooten der aarde! Hoe was hunne wereldsche wijsheid beschaamd en te niet gedaan! Is het dan daar, o Wijzen! wat gij van uit het binnenste van het Oosten zijt komen aaBbidden! Wat, een kind, dat gezoogd wordt en weent! Het schijnt mij, alsof ik hen hoor zeggen: het is

ocr page 127

121

de wijsheid Gods, die de onze verblindt. Hoe onaanzienlijker het voorwerp schijnt, hoe Gode aangenamer het is om van zooverre te komen om het te aanbidden. O Wijzen! gij zeiven moet wel kinderlijk gelooviggeworden zijn, om in het kind Jezus een God te zien!

Maar wie zal mij eenvoudigheid, die heilige dwaasheid der quot;Wijzen geven? Weg met die goddelooze en vervloekte wijsheid van Herodes en de stad Jeruzalem! Men redekavelt, men is ingenomen met zijne eigene wijsheid, men wer|:t zich tot rechter op van Gods raadsbesluiten j men vreest zelfs te zien, wat God beveelt te aanbidden. O, hoogmoedige en wereldsche wijsheid! ik vrees u, ik verfoei u, ik wil niets meer van u hooren. De nedrigheid van Jezus is het alleen, die ik verlang na te volgen Laat de onbesuisde wereld er van zeggen wat zij wil, laat zij zich zelfs er over ergeren; wee de wereld wegens hare ergernissen! Het is de versmaadheid en de dwaasheid van den Verlosser, die ik bemin. Ik ben aan niets meer gehecht. Geen menschelijk opzicht, geen vrees voor de bespotting en beoordeeling der valsche wijzen; ook zij, die uit menschelijke onvolmaaktheid nog eenigen dunk van eigen wijsheid hebben, zullen mij niet terughouden.

ocr page 128

122

Gelukkig voornemen! Maar hoe het ten uitvoer te brengen? Gij, o Heer, die het ingeeft! maak dat ik hel nakome! Gij, die het mij hebt ingegeven, geef mij ook den moed om het te volbrengen! Geen ander licht dan dat van boven; geen andere rede, dan al mijne dwaze redeneericgen ten ofl'er te brengen. O God, eeuwige waarheid, wees mij het eenig licht, dat in de duisternisBen des geloofe voorlicht!

ocr page 129

ROZENHOEDJE

TEE EEEE VAN HET KIND JEZUS.

Goddelijk kind Jezus! ik aanbid uw kruis en ik aanvaard dat, wat het U believen zal mij over te zenden.

In den naam des Vaders, en des Zoons, en des Heiligen G-eestes. Amen.

Aanbiddelijke Drievuldigheid ! ik offer ü al de vereering en liefde van het hart van het kind Jezus.

En het Woord is vleesch geworden.

Onze Vader, enz.

Allerheiligste Drievuldigheid! ik offer al de wonderen op, die Gij in de H. Maagd, om haar Moeder van God te doen zijn, hebt uitgewerkt.

En hel Woord is vleesch yetoorden.

Onze Vader, enz.

Aanbiddelijke Drievuldigheid! ik dank u voor de voorrechten waarmede Gij den H. Jozef ten opzichte van Jezus en Maria begunstigd hebt.

En het woord is vleesch geworden.

Onze Vader, enz.

ocr page 130

124

Men vereert:

Bet oogenblik, waarop Jezus in den maarj-delyken schoot van Maria i» mensch geworden. Kind Jezus! ik vereer het oogenblik uwer menBchwording.

En het Woord is vleesch geworden, en het heeft onder ons gewoond.

quot;Wees gegroet, enz.

Zijn verblijf van negen maanden in den schoot der H. Maagd. Beminnelijk Kind! ik aanbid TJ, die negen maanden in het zuivere lichaam van Maria, uwe Moeder, verbleven zijt.

Wees gegroet, enz-

Zijne geboorte. Goddelijk Kind! ik aanbid TJ, terwijl Gij in de armoedige grot van Bethleëaa ter wereld komt.

Wees gegroet, ene.

Zijn verblijf in den stal. Zeer beminnelijk kind Jezus, kostbare schat des Hemels en der aarde! ik aanbid ü, terwijl gij op stroo ligt en in een stal tusschen dieren uw verblijf boadt.

Wees gegroet, enz.

Zijne besnijdenis. God van liefde, die de heiligheid zelve zijt! ik aanbid U, terwijl Gij de pijnlijke besnijdenis aanneemt; snijd uit onze harten alles wat U mishaagt!

Wees gegroet, enz.

ocr page 131

125

De aanbidding der Wijzen. KindJezus! ik kniel met de Wijzen uit het Oosten voor uwe voeten neder. Weea voor immer de koning onzer harten!

Wees gegroet, enz.

Zijne opdracht in den tempel. Aanbiddelijk kind Jezua! draag ons met U aan God, uwen Vader, op, en maak ons de dienaars uwer liefdel

Wees gegroet, enz.

Zijne vlucht naar Egypte. Kind Jezus, die, de sterke God en de God der legerscharen zijnde, nochtans voor de goddeloosheid van Herodes vlucht, doe ons den schijn zelfs van zonde nog meer dan den dood vluchten!

Wees gegroet, enz.

Zijne terugkomst uil Egypte te Nazareth. Zeer machtig Kind! bevrijd ons uit het midden dezer bedorven wereld, waarvan Egypte het afbeeldsel is, en dat ons door uwe terugkomst te Nazarelh de genade verleend worde van in ons waar vaderland, den Hemel, aan te landen!

Wees gegroet, enz.

Zijn verblijf in het huis van Nazareth. Zeer beminnelijk Kind, doe ons de ingetogenheid, de stilzwijgendheid en de afzondering beminnen! Geef dat ons eenig genoegen zij,

ocr page 132

126

ons met God, CT en Maria en Jozef bezig te houden!

Wees gegroet, enz.

Zijne reis naar Jeruzalem mei zijne heilige moeder. Goddelijk kind Jezus! heilig on«e schreden en laat ze tot D gericht zijn, daar gij ons eenigst goed zijt! Wek in ons het verlangen op om U dikwijls in uwe kerken te komen aanbidden en U onze liefde te betuigen!

Wees gegroet, enz

Jezus, iwaalf jaren oud, zit in het midden der leeraren. Wonderbare Verlosser, in wien alle schatten van wijsheid en wetenschap Gods besloten zijn! leer Gij zelf ons IJ beminnen, opdat Gij, zooals Gij beloofd hebt, tot ons moogt komen en in onze harten uw verblijf vestigen ! Gij zijt onze Meester, leer ons uwen wil, en verleen ons de genade om dien getrouwelijk en met blijdschap te vervullen! Amen.

Jezus, Maria, Jozef! ik geeft TJ tot aan mijn laafsten zucht mijn hart, mijn verstand en mijn leven.

ERRATA.

Blz. 45 staat „toewijding aan Jesusquot; — lees van Jesus. „ 87 ,, „onze ellendequot; — lees hunne ellende.

ocr page 133

IIX I IO TJ U.

Biz.

24 Dec. De grot van Bethleëm..........................5

25 Dec. De Geboorte.......... ......................8

26 Dec. Het goddelijk Kind. '........................11

27 Dec De windsels........................................13

28 Dec. De Moedermelk......................................16

29 Dec. Het stroo..................................................19

30 Dec. De slmip..................................................21

31 Dec. De tranen..............................................23

1 Jan. De naam Jezns........................................26

2 Jan. Nog eens de heilige naam van Jezus 29

3 Jan. Nog eens de lieilige naam van Jezus 32

4 Jan. De aanbidding der engelen..................34

5 Jan. Dc aanbidding der herders..................36

6 Jan. De aanbidding der Wijzen..................39

7 Jan. Maria bij de kribbe................................41

8 Jan. De H. Jozef bij de kribbe..................44

9 Jan. De beesten................................................46

10 Jan. De eenzaamheid......................................49

11 Jan. De stilzwijgendheid................................51

12 Jan. Het gebed................................................53

13 Jan. De boetdoening......................................55

14 Jan. De Prediking..........................................58

15 Jan. Het Woord is vleesch geworden..........61

16 Jan. Het eeuwig Woord heeft zich van

groot klein gemaakt................................63

17 Jan. Het eeuwig Woord is van heer dienst

knecht geworden......................................66

18 Jan. Het eeuwig wooi d, dat onschuldig was,

beeft zich fot eep schuldige gemaakt. 68

ocr page 134

128

1'J Jan. Het ecuivig Woord heeft zich van sterk

zwak gemaakt......................................70

20 Jan. Het eeuwig Woord heeft zich aan ons

gegeven....................................................73

21 Jan. Het eeuwig Woord heeft zijn staat

van geluk met een staat van droefheid verwisseld........................................75

22 Jan. Het eeuwig Woord heeft zich van rijk

arm gemaakt............................................78

23 Jan. Het eeuwig Woord heeft zich van zeer

verheven gering gemaakt......................80

24 Jan. De drie begeerlijkheden........................82

25 Jan. De geboorteplaats....................................84

26 Jan. Voorstelling in den tempel..................80

27 Jan. De vervolging van Herodes..................89

28 Jan. De vlucht naar Egypte..........................91

29 Jan. Het verblijf in Egypte..........................94

30 Jan. Terugkomst in Palestina........................96

31 Jan. Nazareth....................................................98

1 Feb. Het verliezen van het Kind Jezus in

den tempel................................................101

2 Feb. Achttien jaren te Nazareth..................103

Akte van opdracht aan het kind Jezus............105

Novene tor cere van den geboren wordende

Jezus........................................................107

Liefde ademende samenspraken van Fenelon. . 111

Rozenhoedje ter cere van het kind Jezus. . . . 123

IMPRIM A-TUK.

Amstu.odami H. KUSCHEBLATT,

Aug. 188G. /fiir. (.'ens.

ocr page 135

I

I

I

I

ocr page 136
ocr page 137

S SJ

/ u

ocr page 138