ocr page 1

3.1 cslt;p____

ft

ocr page 2
ocr page 3

REGLEMENT

VAN HET

OUDE MANNEN- EN VROUWENHUIS

DER

NED. HERV. GEMEENTE

TF.

SCHOONHOVEN.

OPGERICHT DEN 30en MEI 1898.

ocr page 4

;3;;v.

m

^ • .' ■ - f

- ,:v;,.

r quot;,■ ', quot; ■ •■ ' ^ , * quot; ■ '■%

, ■ im$

■ ■ ■quot;■ t - ' - ■ ■ , ■■gt; ■; . ■-. ■ J . J .,\'

11 is ■- ■ ■

i ^ - Si

;■. v: quot; Uv---.

••. ' . j quot; -.'. ■amp;'lt;gt; ■■ • v; *' - -'■ . •■■ quot; •• - ' . . ' ' . -ir- quot;gt; .

•Sïsy

'r' . ^ . : . - ''/v

. - 1 ' ^ ^

M. - - - ^ • -

1' ï ■ ■ - . - - , , . ' ■ ~ - . .•••-■ :■■■. .

'$■

Wê

'Ï: - !sv^ ■. . =, . ' ■ ; ■ '

■;i ... :•■■ , ! — . '

— - - - ^ -Iv.- - .

ocr page 5

REGLEMENT

VAN HET

OUDE MANNEN- EN VROUWENHUIS

DER

NED. HERV. GEMEENTE

TE

SCHOONHOVEN.

BIBLIOTHEEK NED. HERV. KERK

OPGERICHT DEN 30en MEI 1898.

S . CL. .

ocr page 6
ocr page 7

REGLEMENT

VAN HET

Oude Mannen- en Vrouwenhuis der üsd. Herv. Gem.

TE SCHOONHOVEN1.

Doel,

ARTIKEL 1.

Het Oude Mannen- en Vrouwenhuis der Ned. Herv, Gem. te Schoonhoven is eene Inrichting, staande onder het beheer der Diaconie, tot verpleging van Protestant-sche behoeftige ouden van dagen, met medewerking en onder toezicht van den Kerkeraad ; alles overeenkomstig het Synodaal Reglement voor de Diaconieën.

Het Bestuur,

ART. 2.

Het Bestuur bestaat uit drie Kerkeraadsleden, die den naam dragen van „Regentenquot;. Een hunner moet een Diaken zijn, om als Diaken-Penningmeester zitting te hebben. De overige twee leden verdeden onderling de functie van Voorzitter en Secretaris.

Jaarlijks, met den Isten Januari, treedt een der Regenten af volgens rooster. In de maand December voorziet de Kerkeraad in deze vacature. De aftredende is niet herkiesbaar,

ART. 3.

Regenten treden handelend op, zoo noodig in overleg met den Kerkeraad. Zij vergaderen den 2den Dinsdag van elke maand in de inrichting tot bespreking van hare

ocr page 8

4

belangen, waar gelijktijdig de maandelijksche afrekening met den Vader zal plaats hebben.

De Voorzitter heeft de leiding der vergaderingen en draagt zorg voor de naleving van het reglement, terwijl de Secretaris aanteekening houdt van alle vergaderingen en de correspondentie voert.

Hij houdt een register bij van in- en uitgaande verpleegden.

In de vergadering van de maand Februari zal hij ter controleering van het register dit overleggen, met een rapport over het aantal verpleegden met verpleegdagen.

In de maand Maart zal hij schriftelijk verslag uitbrengen aan den Kerkeraad over de richting, zoodat de Kerkeraad op de hoogte blijft met djn stand der Inrichting.

ART. 4.

De Diaken-Penningmeester doet om de drie maanden in de vergadering van Regenten rekening en verantwoording en jaarlijks in de maand Maart aan den Kerkeraad. Hij legt daarbij alle bescheiden over en geeft voorts alle gewenschte inlichtingen.

Door den Kerkeraad wordt jaarlijks uit zijn midden eene commissie benoemd tot het nazien der rekening en van alle bescheiden en baten. Deze commissie brengt rapport uit aan den Kerkeraad.

De Penningmeester is tevens belast met het voeren van correspondentie, voor zoover dit verband houdt met de financieele aangelegenheden van de Inrichting.

ART. 5.

Alle documenten, aan de Inrichting behoorende, moeten in het archief blijven en mogen zonder toestemming van Regenten daaruit niet worden verwijderd.

ART. 6.

Van al de roerende goederen der Inrichting wordt een inventaris opgemaakt en bijgehouden. Minstens éénmaal in het jaar zullen al die goederen door of vanwege den Kerkeraad worden nagezien en met den inventaris worden vergeleken.

ocr page 9

5

ART. 7.

Uitgaven, boven de 50 gulden, noodig voor onderhoud van het gebouw, zijn den Regenten-zonder toestemming van den Kerkeraad niet geoorloofd,

Inkoopsommen, saldo's, aanwezig boven het geraamde bedrag der maandelijksche rekening, worden ten spoedigste rentegevend belegd op een solide bank, door den Kerkeraad aan te wijzen.

ART. 8.

Onder de inkomsten behooren niet alleen, geheel of gedeeltelijk, de verdiensten der verpleegden, maar ook renten en giften, die haar aangekomen zijn of nog zullen aankomen.

ART. 9.

In de Inrichling worden opgenomen en verpleegd bij voorkeur bejaarde, hulpbehoevende lidmaten der gemeente, mannen zoowel als vrouwen.

Ook kunnen daarin opgenomen worden Protestant-sche ouden van dagen, geen lidmaat zijnde, mits hunne verplegingskosten door hen zelve of door anderen ten hunnen behoeve worden betaald.

Verpleegden van elders kunnen worden opgenomen zoo de ruimte zulks toelaat.

Niemand wordt opgenomen (uitgezonderd zij, die voor rekening van zichzelve of anderen worden verpleegd] tenzij tenminste 3 jaar alhier woonachtig.

Bij ziekte der verpleegden, behoorende tot een andere Protestantsche Kerk, heeft de predikant dier Kerk de vrijheid zijn Gemeentelid te bezoeken. Overigens doen de predikanten der Gemeente bezoek aan de verpleegden.

ART. 10.

Niemand wordt als verpleegde opgenomen dan nadat hij vooraf een overeenkomst met de Regenten heeft ge-teekend, waarbij hij hun het recht toekent, om, in geval hij bezittingen mocht hebben, cf gedurende zijn verblijf in de Inrichting mocht verwerven, of indien hij uit eenigen anderen hoofde inkomsten geniet, of gedurende zijn ver-

ocr page 10

6

blijf in de Inrichting mocht gaan genieten, deze bezittingen of deze inkomsten of beide onder hun beheer te nemen, ten einde daaruit de onkosten der verpleging aan de Inrichting te voldoen, voor zooverre deze niet reeds uit anderen hoofde zijn of worden voldaan.

Zij, in wier verplegingskosten voldoende is voorzien, ten genoege van de Regenten, kunnen door de Regenten van het teekenen dezer overeenkomst worden vrijgesteld.

Mocht daarna van die bezittingen of van die inkomsten nog iets overschieten, zoo zal dat meerdere, bij vertrek uit de Inrichting, aan de(n) verpleegde zelf, en bij overlijden aan de wettige erfgenamen worden uitgekeerd.

Bij de overeenkomst bedoeld in alinea 1 van dit artikel, zal tevens aanstonds worden vaotgesleld en zoo mogelijk worden gestort een bedrag benoodigd voor de begrafeniskosten.

Verlaat de verpleegde de Inrichting echter wederom, zoo zal dit bedrag, indien het reeds was gestort, hen wederom worden teruggegeven, tenzij de Inrichting uit anderen hoofde nog iets van hem had te vorderen.

Mocht om eenige reden, vóór of ra de opneming, da overeenkomst als bedoeld in het eerste lid van dit artikel niet tot stand komen, zoo zal, indien daartoe termen bestaan, de Regenten zich aanstonds wenden tot den bevoegden Rechter met de bedoeling en op de wijze als omschreven in art. 69 der Armenwet.

ART. 11.

De verplegingskostcn worden, met het oog op , het verhaalquot;, bedoeld in Hoofdstuk 5 der Armenwet, telken jare opnieuw door de Regenten vastgesteld en blijven ook daarna voor dat betreffende jaar gelden.

ART. 12.

Elke verpleegde ontvangt 50 cent zakgeld per week, tenzij volgens contract bij de opname anders bepaald is.

ART. 13.

De Regenten zijn s.eeds bevoegd, in overleg met den Kerkeraad, om aan hen, wier opneming of langer verblijf in de Inrichting, door verregaand wangedrag, onzindelijk-

ocr page 11

7

heid of door andere oorzaken, nadeelig of gevaarlijk daarvoor mocht zijn, te weigeren of hen de Inrichting te doen verlaten. Ingeval de reden daarvoor in lichaamsgebreken mocht bestaan, zal vooraf het advies van dan Geneesheer van de Inrichting worden ingewonnen. Lijders aan slepende cf besmettelijke ziekten worden niet opgenomen.

Niemand wordt opgenomen, dan na eerst te zijn onderzocht door den Geneesheer der Inrichting,

Mocht ongeschiktheid blijken, dan wordt de persoon, voor wien opname verzocht werd, niet opgenomen.

ART, 14.

Door den Kerkeraad zal, op voordracht der Regenten, ten behoeve van de Inrichting, tot wederopzegging toe worden benoemd een Vader en een Moeder, echtelieden, zonder kinderen te hunnen laste, lidmaten der Ned. Herv. Gemeente en van Gereformeerde beginselen zijnde. Aan hen wordt eveneens in overleg met Regenten door den Kerkeraad met vermelding der redenen ontslag verleend. Ket salaris, benevens vrije woning, bewassching enz. wordt bij iedere benoeming opnieuw door den Kerkeraad bepaald.

De Vader en de Moeder worden in hun arbeid ter zijde gestaan door eene dienstbode, te benoemen door de Regenten met voorkennis van den Kerkeraad. Het salaris der dienstbode wordt bij iedere benoeming opnieuw vastgesteld.

De dienstbode moet tenminste dooplid (lidmaat) zijn der Ned. Herv. Gemeente. Zij zal zich te gedragen hebben naar de regelen van het Huis en staat onder toezicht van den Vader en de Moeder

ART. 15.

Eene pensioenregeling naar de financieele draagkracht der Inrichting, zal voor den Vader en de Moeder bij hunne benoeming worden vastgesteld.

De Vader en de Moeder.

ART. 16.

Op de maandelijksche vergadering der Regenten zal

ocr page 12

8

zoowel aan den Vader en de Moeder als aan verpleegden gelegenheid worden gegeven klachten en bezwaren in te dienen en hunne wenschen kenbaar te maken. Ingeval van verschil bestaat beroep op den Kerkeraad open.

ART. 17.

De Vader en de Moeder zijn geroepen niet alleen voor de stoffelijke, maar ook voor de geestelijke belangen van de in de Inrichting verpleegden met ernst en getrouwheid zorg te dragen en toe te zien, dat al wat met het christelijk karakter van zulk een Inrichting in strijd is, vermeden worde.

ART. 18.

Gelijk zij zelf daartoe verplicht zijn, alzoo moeten zij ten allen tijde hun invloed gebruiken, opdat ook de verpleegden aan Kerkeraad en Regenten achting, liefde en gehoorzaamheid betoenen.

ART. 19.

Zonder voorkennis van de Regenten mogen de Vader of de Moeder niet van huis gaan. Eemiaal per jaar mogen de Vader en de Moeder, wanneer de omstandigheden met het oog op de verpleegden zulks toelaten, beiden met verlof gaan. De duur van het verlof wordt nader geregeld met de Regenten, die dan andere personen als plaatsvervangers aanstellen.

ART. 20.

De Vader zal zorgen voor de meest voordeelige bearbeiding van den tuin bij de Inrichting. Ook is hij verplicht de jaarlijksche en drie-maandelijksche toezeggingen in de gemeente op te halen en aan den Diaken-Penningmeester af te dragen. Elke gemeenschappelijke maaltijd zal door hem met gebed v/orden begonnen en geëindigd met voorlezing van een gedeelte uit Gods Woord en dankzegging.

ART. 21.

De Vader en de Moeder zullen niets ten behoeve der Inrichting mogen koopen dan op een boekje, afgegeven

ocr page 13

door den Diaken-Penningmeester, die, in overleg met zijne mede-Regenten ook aanwijzing doet van de plaats, waar het noodige moet worden gekocht.

Voor kleine dagelijksche behoeften wordt den Vader en de Moeder de vrijheid toegestaan naar huiselijk gebruik te handelen en worden al'e uitgaven in het dagboek verantwoord.

Eenmaal per maand zal de Vader behoorli k rekening en verantwoording doen van alle inkomsten en uitgaven aan den Diaken-Penningmeester.

De Vader en de Moeder zullen zorgen, dat de voedingsmiddelen naar evenredigheid verdeeld en aan kran-ken en zwakken de voor hen noodig geachte spijzen worden toegediend.

ART. 22.

De Vader en de Moeder zullen voor de verschillende slaapplaatsen de noodige zorg dragen. Het beddegoed zal behoorlijk gelucht en zuiver gehouden worden. Om de 8 dagen zullen al de bedden van één versch laken moeten worden voorzien. Zij hebben het recht overal en te allen tijde te inspecteeren, wanneer zij het noodig mochten achten en zijn aansprakelijk voor de zorgvuldige bewaring en reiniging van al het roerende goed, dat het eigendom is van de Inrichting. Ook wat het eigendom is der verpleegden wordt, bij eventueele ziekte der laatsten, onder hunne bewaring gesteld.

ART. 23.

De Moeder zal ervoor zorgen, dat de kleederen der verpleegden geregeld worden nagezien en, gescheurd zijnde, zooveel mogelijk door verpleegden worden hersteld. Alle bonten- en wollen-, zoowel als linnengoederen zullen behoorlijk moeten worden gewasschen, terwijl alle verpleegden zijn gehouden zich éénmaal per week te ver-schoonen en voor reinheid van het lichaam te zorgen.

ART. 24.

Teneinde het onvoorzichtig omgaan met vuur en licht te voorkomen, is het aan den Vader en de Moeder of hunne plaatsvervangers opgedragen de noodige voorzorgen te nemen.

ocr page 14

10

Het rooken in huis, elders dan in bepaald daartoe aangewezen vertrekken, is verboden.

Wanneer de verpleegden op den daartoe bestemden tijd te bed zijn gegaan, zullen zij overal rond gaan om te zien of alles in orde is, of vuur en licht uitgedoofd en de verschillende buitendeuren zijn gesloten.

Van de Verpleegden,

ART. 25.

Van ontstane ziekte of andere ongevallen wordt dadelijk aan een der Regenten kennis gegeven, opdat, zoo deze het noodig oordeelt, geneeskundige hulp worde ingeroepen. In dringende gevallen zijn de Vader en de Moeder bevoegd terstond geneeskundige hulp in te roepen.

ART. 26.

Al de verpleegden zullen de godsdienst-oefeningen op Zon- en Feestdagen, ook de avonddiensten in de week, geregeld en met den meesten eerbied moeten bijwonen.

Zij gaan onder toezicht van den Vader en de Moeder of een der beiden naar de Kerk en ter^g, uitgezonderd zij, die tot een ander Kerkgenootschap behooren.

ART. 27.

De verpleegden mogen zich niet uit de Inrichting verwijderen dan met goedvinden van den Vader en de Moeder of die hen vervangt, onder opgave van de huizen of vergaderingen, die zij voornemens zijn te bezoeken. Uiterlijk te 9 uur 's avonds behooren zij weer tegenwoordig te zijn in de Inrichting. Het reizen op Zondag wordt niet toegestaan onder welken vorm ook.

Aan hen, die in de Inrichting opgenomen, zich eigenmachtig verwijderen, kan wederopneming worden geweigerd.

ART. 28.

Uitgenomen bij ziekte of andere geldige omstandigheden behooren de verpleegden op den bepaalden tijd aan het ontbijt, middagmaal en avondeten aanwezig te zijn. Ontbreken zij, zoo hebben zij hun aanspraken op het voor

ocr page 15

11

den maaltijd bestemde voedsel verbeurd. Zij zijn verplicht tegenwoordig te zijn bij de huiselijke godsdienstoefeningen.

ART. 29.

Blcedverwanten, vrienden of kennissen, die de verpleegden weaschen te bezoeken, hebben op aanvrage aan den Vader, toegang tot de Inrichting, dagelijks van 2—4 uur, uitgezonderd Zaterdags.

Ingeval van ziekte, waarvóai onverwijld door den Vader aan de familie wordt kennis gegeven, is bezoek biiiten die uren, mits met zijne toestemming, geoorloofd.

ART. 30.

Ontspanningen of verstrooiingen, die geacht kunnen worden verderfelijk te zijn voor het geestelijk en zedelijk leven der verpleegden, worden len strengste geweerd.

ART. 31.

Boeken, geschriften of papieren, welker geest en strekking strijdig zijn met Gods Woord, mogen niet worden toegelaten.

De Vader, of die hem vervangt, zal ieder boek, geschrift of blad, dat van een beleedigenden cf zedekwet-senden inhoud is, opeischen.

Hardop mag niet worden gelezen dan met toestemming van den Vader of zijn plaatsvervanger.

ART. 32.

Alcoholische drank mag niet gebruikt worden of op de eene of andere wijze worden ingevoerd. Het binnengaan in kroegen of drankwinkels is volstrekt verboden.

Overtredingen van deze bepaling, aan de Regenten kenbaar te maken, worden door hen gestraft. Bij herhaalde overtreding kan de Kerkeraad tot verwijdering uit de Inrichting overgaan. Beroep op den Kerkeraad heeft de verpleegde indien de Regenten straf opleggen,

ART. 33.

De verpleegden hebben vrijen toegang tot den tuin, mits zij zich aldaar behoorlijk gedragen.

ocr page 16

Het beschadigen van planten, boomen en gewassen en eveneens het buiten toestemming van den Vader ol zijn plaatsvervanger afplukken van vruchten is verboden.

ART. 34.

Indien de krachten en de geschiktheid der verpleegden zulks toelaten, wordt ten behoeve hunner gezondheid en ter bevordering eener goede huishouding door hen zooveel mogelijk deelgenomen aan het onderhoud van den tuin en het verrichten van huiswerk. Een en ander wordt geregeld door den Vacler en de Moeder of die hen vervangen.

ART. 35.

Het bezigen van ruwe of ongepaste uitdrukkingen, het misbruiken van den Naam des Heeren, i, e, w. alles wat strijdig is met Gods Woord, ook gesprekken, die aanleiding tot twist geven of kunnen geven, zijn ten strengste verboden. Bij overtreding dezer bepaling stelt de verpleegde zich in gevaar door den Kerkeraad uit de Inrichting verwijderd te worden, indien vermaning door den Vader en de Moeder niet wordt gehoord en de Regenten vergeefs zouden straffen.

ART. 36.

Onzedelijke handelingen zullen ten strengste onderzocht en kunnen zelfs met verwijdering, zonder aanspraak op eenig recht, worden gestraft.

De Vader of die he-n vervangt, is verplicht zulks dadelijk ter kennis van de Regenten te brengen.

Kleine misdrijven of vergrijpen worden den verpleegden met vermaning door den Vader of zijn plaatsvervanger onder het oog gebracht.

Indien dit niet helpt, wordt ook van deze zaken mede-deeling gedaan aan de Regenten, daarna aan den Kerkeraad.

Verpleegden voor rekening van zich ze!ve of anderen,

ART. 37.

Aanvrage tot opname geschiedt aan de Regenten.

ocr page 17

13

Het bedrag der jaarlijksche vergoeding voor de verpleging wordt bij iedere aanvrage tot opname bij contract vastgesteld door den Kerkeraad op vnordracht der Regenten. Een vierde van dit bedrag wordt vooruit betaald bij den aanvang van ieder kwartaal.

De verpleegden brengen bij h.nne opname de goederen, die hun eigendom zijn, o.a. lijfgoederen, kastje enz, mede in de Inrichting. Verder moet voldaan worden aan Artikel 43.

Van ondergoederen moeten als minimum aanwezig zijn : 3 hemden, 3 broeken, 3 borstrokken, 3 paar kousen en 6 zakdoeken. Deze goederen werden, voordat zij in de Inrichting toegelaten worden, onderzocht of zij rein en zuiver en in zeer goeden staat zijn.

Bij gebleken onreinheid en onzuiverheid worden zij niet toegelaten. De verpleegden onderwerpen zich voor hunne opname aan de verwisseling van onderkleeding en het nemen van baden, wanneer zulks door den Vader of zijn plaatsvervanger wordt noodi] geoordeeld.

ART, 38.

Zij, die zich zeiven een plaats in de Inrichting verzekeren door middel eener inkoopcom, zullen, alvorens zij worden opgenomen, verplicht kunnen worden een overeenkomst met de Regenten te teskenen van gelijke strekking als de overeenkomst bedoeld in Art, 9 en waarvan hierachter een formulier is gevoegd.

Deze overeenkomst heeft dus tot strekking om te voorzien in het geval, dat de inkoopsom eigenlijk te laag is, en verpleegde later in staat geraakt om het voor de Inrichting nadeelige verschil bij te passen.

Indien de verpleegde voor rekening een van derde is ingebracht, zal eveneens de verpleegde verplicht kunnen worden deze overeenkomst te teekenen.

Voor het voeren van beheer over bezittingen en inkomsten van verpleegden, b»en^t de Inrichting aan verpleegden of hunne erfgenamen een vergoeding van 4 % in rekening op denzelfden voet als is geregeld in art. 522 van het Burgerlijk Wetboek.

Verpleegden behouden hun domicilie ter plaatse van onderstand.

ocr page 18

14

ART. 39.

Bij ziekte dezer verpleegden zijn zij, voor wier kosten de verpleging geschiedt, aansprakelijk voor alle ten behoeve van de verpleging der zieken gemaakte kostan.

De verpleegden, die leden zijn van een of meer begrafenisondernemingen, en geen som voor hun begrafeniskosten hebben gestort, moeten dat lidmaatschap doen overschrijven ten name van de Diaconie der Ned. Herv, Gemeente, afdeeling Oude Mannen- en Vrouwenhuis te Schoonhoven.

Geen lid eener begrafenisonderneming zijnde, worden de kosten naar plaatselijk gebruik berekend.

De begrafenis van in de Inrichting overleden verpleegden, voor wie geen begrafeniskosten zijn gestort, noch ook lid waren eener begrafenisonderneming, en voor wie ook uit anderen hoofde niet in hun begrafeniskosten is voorzien, heeft plaats op kosten hunner erfgenamen of rechtverkrijgenden.

Eveneens zijn deze aansprakelijk voor hetgeen te kort mocht komen op de gestorte som voor begrafeniskosten of op de uitkeering van de begrafenisonderneming, een en ander berekend volgens plaatselijk gebruik.

Mochten verpleegden vanwege de Diaconie der Herv. Gemeente geen lid zijn eener begrafenisonderneming, dan zullen de Regenten zorg dragen, dat zij voor rekening der Inrichting in zulk een fonds worden opgenomen.

De Predikanten der Gemeenten zullen bij toerbeurt ieder een jaar de leiding hebben der begrafenissen.

ART. 40.

Van de goederen, door deze verpleegden bij hunne opname of later in de Inrichting gebracht, wordt eene lijst met waardevermelding opgemaakt door den Vader.

Deze inventaris wordt in duplo opgemaakt en door den Vader .en de{n] verpleegde onderteekend. Het duplicaat wordt aan de(n] verpleegde ter hand gesteld. Eén exemplaar van den inventaris wordt neergelegd in het archief der Regenten, na door hen onderteekend te zijn. Van dit oogenblik zijn de goederen dezer verpleegden aan de Inrichting in pand afgestaan, voor het richtig nakomen der verplichtingen, den verpleegden of hunnen

ocr page 19

15

rechthebbenden opgelegd, alsmede voor alles, wat zij te eeniger tijd aan de Inrichting mochten verschuldigd zijn.

De bovenbedoelde goederen staan dus onder het beheer der Inrichting ; zij worden bij overlijden der verpleegden met de aanwezige gelden het eigendom van het Oude Mannen- en Vrouwenhuis te Schoonhoven.

ART. 41.

Overigens behooren zij zich mede te onderwerpen aan alle verplichtingen en bepalingen, die voor de verpleegden in dit reglement vervat zijn.

De verpleegden zullen bij hun intrede in de Inrichting het Reglement teekenen als bewijs hunner instemming.

ART. 42.

Verpleegden, wier opname in een ziekenhuis noodig is, komen ten laste der Inrichting, gedurende acht weken voor een zelfde ziektegeval, slechts één keer per jaar gerekend vanaf de opname in het ziekenhuis. Een en ander volgens Art. 15 Huish, Regl. Nosokomos en volgens Art, 2 afd. ziekentransport eveneens regl. Nosokomos.

Bij opheffing van de vereeniging Nosokomos komen alle kosten voor rekening van hem of haar, voor wiens (wier) rekening de opname geschied is in het Oude mannen- en vrouwenhuis (Art. 39-la).

ocr page 20

IC

Formulier van aanvraag.

ART. 43.

OUDE MANNEN- EN VROUWENHUIS TE SCHOONHOVEN.

(STAAT van inlichtingen betrekkelijk defn) op te nemsn persoon.)

ANTWOORDEN

VRAGEN

1. Naam en Voornaam ? .............

2. Jaar en dagteekening van geboorte?

3. Geboorteplaats ? ................

4. Welke is zijn (haar) laatste woonplaats ? ....................................

5. Godsdienst ? ...........................

6. Beroep ? .................................

7. Op wiens verzoek en om welke reden wordt de plaatsing verzocht ?

8. Voor wiens rekening zal de verpleging geschieden ? ..................

9. Lijdt hij (zij) ook aan idiotisme of krankzinnigheid, of ook aan eene slepende of ongeneeslijke kwaal, waarvoor hij (zij) liever in een gesticht, gast- of ziekenhuis behoort verpleegd te worden ? ...............

10. Hoe is de staat der gezondheid ? ...

11. Zijn er nog andere bijzonderheden te vermelden ? ........................

12. Waar kan zoonoodig onderzoek gedaan worden ? ...........................

N.B. Alvorens de ouden van dagen worden opgenomen, zullen zij zich te onderwerpen hebben aan een geneeskundig onderzoek vanwege de Inrichting (Art. 13).

ocr page 21

17

Contract van opname.

(bedoeld in Art. 37 van dit Reglement).

Ik (wij) Ondergeteekende(n) verbind(en) mij (ons) om

ten behoeve van ...................................................

jaarlijks te betalen de som van .................................

voor verpleging in het OUDE MANNEN- EN VROUV/EN-HUIS te Schoonhoven aan de Diaconie der Ned. Herv. Gemeente aldaar (telkens 3 maanden vooruit betalende), benevens:

lo. f 2.60 voor het ziekenfonds en lidmaatschap Nosoko-

mos per 3 maanden,

2o. f 30 intreegeld.

3o. f 75 begrafeniskosten of eene inschrijving in een of ander solied fonds, ten name der Inrichting ............

en neem (nemen) alle verplichtingen op mij (ons), voortvloeiende door het bindend worden van dit contract, vervat in het reglement der Inrichting, en welke mij (ons) bekend zijn (zie Art. 8-13, 37-40).

Naam .........................................................

Beroep .........................................................

Woonplaats ......................................................

(Handteekening.)

Slotbepalingen,

ART. 44.

Wat de benoeming van Vader en Moeder betreft, kan van weerszijden de aangegane betrekking verbroken worden, mits elkander 3 maanden vooraf waarschuwende,

ART. 45.

Dit herziene Reglement treedt in werking na goedge-

ocr page 22

18

[Lac

keurd te zijn door den Kerkeraad en zal te allen tijde, op voorstel van minstens 1/3 der leden van den Kerkeraad, kunnen worden herzien. Een voldoend aantal exemplaren zal worden gedrukt ter uitreiking aan de leden van den Kerkeraad en tegen betaling van 40 cent aan particulieren.

ART. 46.

Dit Reglement zal zoowel door de Regenten van de Inrichting als door den Vader en de Moeder na hunne benoeming worden onderteekend.

Aldus vastgesteld door den Kerkeraad in zijne vergadering van den 27sten Februari '29.

W. DEUR, h. t. Voorzitter. J. H. GUNNING E.Bzn., h. t. Scriba. HERMs. SCHEER, \ J. H. OLDENBOOM, f ^

P. VAN BEUSEKOM, ^ quot; erlngen-

D. P. M. GAILLARD,

A. VAN DAM.

I' KOK' I Diakenen.

N. M. VAN DIEST, i

J. B. VAN DER PAUW, )

ocr page 23

^ ' ' ' . . ■ ■

v! quot;

r-. ., • •, ■■ • •.•:■ • - ■ ;■

• . •■■ ■ gt; ' 'Ï-O; ; amp;S

'r . ■ ■■: :r ■ \ :

■ ■ • • v .' , -

'■

Sl:.* ' ■ •■ ■-■■ ■quot;■ ■ ■ • n

lamp;ti iy '■ -r^ \ ' :•: * ' : quot; ; i

*' *. ' , quot;s. - l 1 g ....................

P--■ • ■ ■

-y. ■ r y-'y: ^

^«sa«aw^-K,t ^ • ■ . ' ' , :; ■ ■;■ '■U

Ji' - , . ~ * '

■■ ■■ - ,,

•ik:,-'.-

. V •' '

■

: va

I , , -.•••' ^ v--' ' # • - •

W- 'y y:: .■

quot; ■ ■ ; ; ' quot; ' s'

wt -' gt; - - ^ '

tv-;•. -;'■ .•:- -. -■ ■ .• ,' 1 .-• .■ quot;

M^:y.r*y?:-y^ ■ ' ■ v, ''/ ' v.-V

r-ïj-. :. ■ ;. ■ • *

ifes^ •

Wi^y^- : \ •quot;■. yy gt;yy.

\. v. , ;, ■/ ■ -.-tt •; ■ ^

'y-y^,y \. ' ■. gt;

' * -'-c.,

msMi ■ ■ .■■'■ ■ '

v, ' 'yy

ocr page 24

Electrische Drukkerij ITJESHORST amp; v. OS v. ABEELEN Lopikerstr. 45 Schoonhoven

ocr page 25
ocr page 26