ocr page 1

188

L0FL1ËDËREN

TER EERE VAN DE

:h. fhaïïciscus van aSsisié,

LTJIOVICUS en ELISABETH,

i zingen in de vergaderingen der Derde Orde.

Vak 59

' r

ocr page 2

BIBLIOTHEEK öèR RIJKSUNIVERSITEIT

UTRECHT

GOH. TNOMMtSE

i . ' ' . - -

RIJKSUNIVERSITEIT UTRECHT

1605 7188

ocr page 3

[A ^ Ji /s f ! iïf

LOFLIEDEREN

ter eere van pe

HH. PRANCISCUS VAN ASSISIË , LUDOVICUS en ELISABETH ,

zinyen in de Vergadeiinr/en der Derde Orde.

r«n •«-SSe-

TMo 1.

Liefde va» Franciseiis.

quot;Wijze : O gij, die ti-oont ,

Waar Jezus woont.

J.

De Liefde Gods,

Door dwazen trots ,

Verdoofd in 's mensehen harte ,

Zond Jezus weer Op aarde neer Door Sint Franciseus' smarte.

2.

De liefdesmart Verteerde uw Franciseus, dierbre Vader!

O wil van Go Dat zoet genofc Bekomen ons te gader' '

m

0

r

■:-r

'e

ocr page 4

2

3.

Geen lijdenssmart Was U te hard Voor Jezus te verduren ;

Zijn liefdegloed Wist uw gemoed Tot liefde aan te vuren.

4.

In smart verheugd Om 't loon der deugd, Om wederliefd' te schenken , Zocht gij ook elk Met 's lijdenskelk , Om liefde en loon , te drenken.

5.

O Serafijn ,

Slechts liefdepijn Verteerde uw levensdagen ; Gij mocht voor God , — O zoet genot — Do heil'ge wonden dragen.

G.

Die liefdegloed Ontstak 't gemoed Der Christ'nen uwer tijden ; Zij leefden weer Voor God hun Heer , En minden Hem in 't lijden.

ocr page 5

3

7.

O God , ons Al ,

U boven al Wil steeds ons hart beminnen ;

Ja, wil dat hart In Ijjdenssmart Genadig voor U winnen.

8.

Zoo leven wij In 't lijden blij Naar 't voorbeeld van onz' Vader, En komen U ,

Alleen niet nu ,

Maar ook hierna steeds nader. - ___

TSTo S.

Armoede en Ooi moedigheid van den If. Franciscns.

Wijze : O Gods gezin , o drietal leden. Melodie™ van Klcijtmaks, No 33, Gezangen iler H. Familie.

1.

Des Vaders licht zijn eenw'ge Zone

Werd mensch voor onze zaligheid ,

Verliet zjjn rijk en gloriekrone ,

Verborg zjjn Oppermajesteit,

Zocht steeds door woord en heil'ge werken,

Van armoe en ootmoedigheid , De zwakheid onzer ziel te sterken ,

Tot heil voor tijd en eeuwigheid.

ocr page 6

4

2.

Franeiscus, door dit beeld te aanschouwen,

Stiet ver van zich der wereld trots , En ging vol moed en Gods betrouwen

Zich vormen naar den Zone Gods.

Twee deugden koos hjj boven velen ;

Door Jezus' oefening geleid Zocht hij zijn zielewond te heelen Door armoe en ootmoedigheid.

3.

Ja! de armoe werd zijn bruid, zijn vrouwe ;

Met haar trad hij een huwelijk in; Zij bleef hem hier de meest getrouwe ;

Tot in den dood zijn hartemin ;

Zij baarde hem in vreugd en smarte Een talrjjk kroost, zijn evenbeeld ,

't Welk hij beval van ganscher harte Haar 't hart te schenken onverdeeld.

4.

Van de armoe kon hij nimmer scheiden

De ootmoedigheid van onzen Heer ; Met Hem zou hij een leven leiden ,

Dat ootmoed ademt, ootmoed's leer ;

Door need'righeid als dwaas te schijnen

Met Christus , zijn gekruisten Heer ,

Deed hij bij zich de wond verdwijnen

Van 's menschen ziel ; de zucht naar eer.

ocr page 7

Zooals zijn Heer zeer arm in 't leven ,

Ootmoedig op zijn levenspad ,

Trad hij toch rijk , van glans omgeven

Voor eeuwig in de Sion's Stad ! Franciscus ! Vader van de armen , O toonbeeld van ootmoedigheid , quot;Wij smeeken LT om uw erbarmen , Verleen ons uw g'ljjkvonnigheid.

JVo ïï.

Franciscus ontvangt oigt; den Alverno-berg' de vijf H. Wonden.

Wijze : Lied ter eere can O. L. Vrouw eau het H. l!art~ 1.

Alverno-berg , gescheurd bij Jezus' sterven ,

Op uwe kruin , bij dag en stillen nacht,

Lag hij geknield , die wereld's troost wou derven,. Om Jezus' smart, die hij steeds overdacht.

Refrein:

Groote heil'ge minnaar

Van Jezus' smart ,

Franciscus , overwinnaar , i .

1)18

Vraag liefde voor ons hart. (

ocr page 8

6

ranciscus' ziel beschouwt de diepe wonden Van Jezus' Hart , zijn kruis, zijn doornenkroon, ranciscus' ziel, door liefdevuur verslonden ,

Greeft ied'ren stond zich gansch aan Godes Zoon.

11 e F it eis:

Grootc heil'ge minnaar , enz.

3.

?oo bad bij lang: en eens bij 't morgenkrieken Daalt Jezus neer vanaf den hemeltrans ,

eliecht aan 't kruis, gedekt met Serafs wieken; Vèr spreidt zich uit dor wonden stralenglans.

Refrein:

Groote heil'ge minnaar, enz.

4.

Franciscus ziel , ze trilt van vreugde en smarte , En wordt in God op dit gezicht verrukt;

Dan heeft de Heer in handen , voeten , harte , Schoon , bloedigrood zijn wonden ingedrukt, li e F it eis:

Groote heil'ge minnaar, enz.

5.

O heil'ge Gods! gekruisigde des Heeren '.

Vraag God voor ons dienzelfden zoeten geest.

Die in U was om Jezus' smart te eeren

En hier op aard' te minnen 't kruis bet meest. Refrein:

Groote heil'ge minnaar , enz.

ocr page 9

IVo -=4.

Jozns en Franciscns.

Wijze : Wnes gegroet, o Koninginne. 1.

God , wien steeds zij lof gegeven , Heeft Franeiscus hoog verheven Door gelijk'nis mot zijn Zoon ; t Is Franeiscus' eerekroon.

Jezus en Franeiscus !

2.

't Kindje Jezus werd geboren In een stal : ook was beschoren Aan Franeiscus 't zelfde lot , Dat ten deel viel aan zijn God. Jezus en Franeiscus !

3.

't God'lijk kind werd lof gezonden , Door wel duizend Eng'lentongen ; 't Kind Franeiscus — zoo men zegt Was die eer ook weggelegd.

Jezus en Franeiscus !

4.

Jezus koos zich twaalf gezellen Als apost'len aan te stellen , Ook Franeiscus koos dit tal ,

Zond hen preeken overal.

Jezus en Franeiscus !

5.

Arm , verstoeten door de zijnen , Kon Franeiscus Jezus schijnen ,

ocr page 10

Daar hij zelfs geen steen bezat Dien hij tot zijn rustbed had.

Jezus en Franciscus !

6.

Jezus zoet ! uw heil'ge wonden Heeft Franciscus ook bevonden , — Toen hij was in U verrukt — In zijn lichaam ingedrukt.

Jezus en Franciscus!

7.

Jezus schonk die wonderschoone Beelt'nis , als een eerekrone Aan Franciscus , die zijn hart Deelen liet in Jezus' smart.

Jezus en Franciscus !

8.

Doch Franciscus' grootste vrengde Was , zijn ziel door alle deugden 't Beeld te maken van Gods Zoon r Meer uit liefde dan om loon.

Jezus en Franciscus !

9.

Eeuwig zal dat beeld hem sieren r Bij het eeuwig vreugde vieren ; De gelijk'nis aan Gods Zoon Is Franciscus' eerekroon.

Jezus en Franciscus !

ocr page 11

9

INo 5.

Derde Orde van Franciscns.

Wijze : Kinderen van Maria.

1.

Strijdt, Eranciscus' kind'ren , Strijdt hier onbevreesd ,

Wilt in U verhind'ren ,

's Werelds ijd'len geest.

2.

Slechts naar 't aardsche streven , God en ziel veracht ,

Is het ijdel loven ,

Dat men thans betracht.

Strijdt Franeiseus kind'ren , enz.

3.

't Is de Derde Orde ,

Die met 's hemels kracht

Tegenstroom moet worden Van die overmacht.

Strijdt, Franeiseus' kind'ren , enz.

4.

God en ziel heminnen Dit zij onze wensch ;

Gransch de wereld winnen Baat niet aan den mensch.

Strijdt, Franeiseus' kind'ren enz.

ocr page 12

10

5.

't Aardscho slechts betrachten ,

Voor zoover dit moet;

Verders de gedachten

Naar het eeuw'ge goed.

Strijdt, Franoiscus' kiud'ren , enz.

6.

Derde Ordolingen !

Wie behaalt de kroon ,

De ijdle wereldlingen

Of Pranciscus' zoon ?

Strijdt, Franciscus' kind'ren , enz.

IVo O.

Hcde tot Franciscus!

Wijze : Maria's heeld te midden , of Komt, noy een (/roet en bede.

1.

Franciscus! heil'ge Vader:

Gekroond in 's hemels woon , Kom , treed voor ons eens nader

Tot Gods genadetroon.

Vertoon aan God uw wonden Tot rein'ging onzer zonden! Franciscus ! Franciscus ! Vader, bid voor ons 2.

Reeds toen ge op aarde leefdet

Verhoorde God uw beê ,

U vv doel waarnaar gij streefdet: „Den armen zondaar vree '.

ocr page 13

1

O smeek dat God ons geve Zij.n vriendschap te beleven ! Franciscus ! enz.

3.

■ Geef dat wij op uw schreden ;

Uit zuiv're liefdeblijk Hot aardsche steeds vertreden ,

Voor 't eeuwig hemelrijk; En liever willen sterven Dan 's Heeren liefde derven. Franciscus ! enz.

4.

Ja ! geef ons , uwe kind'ren , I Uw liefde tot uw God ,

Dan zal geen hel ons hind'ren ,

In 't aardsche ballingslot; Dan zullen driften zwijgen , Ons hart zal rust verkrijgen. Franciscus! enz.

5.

Dan zjjn wij ook bij machte ,

Om 't mensch'lijk opzicht hier Manmoedig te verachten

Als 's werelds dwaas getier. Zoo zal uw Derde Orde Een steun der Kerke worden ! Franciscus ! enz.

X

ocr page 14

6.

Uw zegen zij geschonken

Den Sfcedeliouder Gods ,

Zjjn boeien los geklonken ,

Vernederd 's vijands trots ,

Opdat dan alle monden Gods glorie hier verkonden !

Franeiscus ! enz.

IS(o 7'.

Eere aan Franeiscus.

Wijze ; Maria leev''

1.

Franeiscus eer ! ja , U , o dierbre Vader!

Zij nu een lied , een loflied toegewijd ; Wij zingen nu , hier voor uw beeld te gader , Van uwen roem , waardoor gij heerlijk zijt! Franeiscus eere ,

In 's hemels woon ;

Eer zij Franeiscus Op zijnen glorietroon!

2.

Franeiscus eer ! den need'rigen des Hoeren ,

Die aardsehen lof, zich zeiven hoeft veracht, Doch Godes roem steeds trachtte te vermeèren , O heil'ge Gods ! bekom ook ons dio kracht. Franeiscus eere , enz.

ocr page 15

13

ii

Franciscus eer , den patriarch der armen ,

Die 't sehitt'rend goud verachtte als het slijk, Doch zich den mensch in 't lijden wist tc erbarmen O heil'ge Gods ! maak ons aan U gelijk ! Franeiscus eere , en/.

4.

Franciscus eer ! de schoonste aller deugden ,

De zuiverheid heeft hij steeds rein bewaard ; O Broed'ren- (Zust'ren) schaar ! o welk een heil'ge

vreugde

En welk een loon is dat den mensch vergaard ! Franciscus eere , enz.

5.

Franciscus eer ! die steeds zijn eigen willen

Verloochend heeft, ter eere van zijn God 1 O mochten wij ! tot mijding der geschillen , Tot Jezus' eer , bekomen dat genot!

Franciscus eere , enz.

6.

Franciscus eer ! het levend beeld des Heeren !

Daar hij op aard' zijas Jezus wonden droeg; Van liefdevuur zjjn hart voor God verteêren : Zie , dat was hem , op deze aard' genoeg! Franciscus eere , enz.

ocr page 16

14 ISo !■*.

(liroet aan Franciscus.

Wijze: Wees gegroet, o Jozef, voedstervader!

1.

Wees gegroet, Franciscus , heil'ge Vader ,

Van uw kind'renschaar , die voor U knielt; Met betrouwen komen wij U nader ,

Want ons aller hart is goed bezield.

2

Wees gegroet , ootmoedige des Heeren,

Gij , die 't Hart van Jezus hebt doorgrond; Geef ons steeds , als U deez' deugd te leeren , Uit zijn hart en goddelijken mond.

3.

Wees gegroet, o bruidegom der armoe ,

Die deez' bruid van Jezus' hand ontving, Dat ge 't hart van uwe kind'ren ontdoe Van 't aardsche , om 's hemels zegening.

4.

Wees gegroet, o moedig kruisen-drager , Die met Jezus , kruis en lijden zocht, Vuur'ger nog, dan naar het wild de jager ; Dat ik 't kruis geduldig dragen mocht!

5.

Wees gegroet, o Serafijn van liefde ,

In U drukt' God 't beeld van Jezus af; O! dat 't Hem , op uwe beê beliefde

Dat Hij ons een trek dier beelt'nis gaf,

---

ocr page 17

15

ZN o O.

Frauciscns ontvangt den aflaat Tan Portinncnla.

Wijze : No 40 Kerstlied.

No 34 Tot den II. Stanislaus Kostlca. No 1 Onbevlekte Ontvangenis van Maria.

Zie Handboekje voor de Congreganisten van O. L. V.

Wijze: In deze maand van bloemen,

In deze maand zoo schoon.

Met REFEEIX :

Voor 'theil der kost'bre zielen,

De prijs van Jezus' Bloed, enz.

1.

Voor 'theil der kostb're zielen,

Dc prijs van Jezus' Bloed ,

Al biddend nederknielen ,

Dat was Franciseus zoet.

En voor dat edel streven

Heeft Jezus de gena,

Of aflaat, willen geven Van het Portiuncula.

2.

Eens , in 't gebed verslonden ,

Des nachts in zijne cel,

Kwam de ongel hem verkonden :

„Franciseus, spoed U snel „Ter kerk Fortiunc'la henen,

„Waar met een eng'lensohaar ,

„Maria is verschenen „En Jezus op 't altaar.

ocr page 18

16

3.

Franeiscus daar gekomen ,

Vond wat hem was verkond , En viel vol heilig schromen

Met 't aanschijn op den grond. „Mijn Schepper , Herael-koning',

Zoo sprak hij : „Wat geschiedt r „Dat Ge afdaalt in deez' woning ,, „En mij bij U ontbiedt ?

4.

„Franciscusquot;, sprak de Heere ?

,,U\v ijver , wondergroot, „Om zielen te bekeeren

„Voor wie 'kmijn Bloed vergoot,. „Doet U aan Mij behagen ;

„Nu dan vergunt uw Heer , „Voor haar Hem iets te vragen, „Tot zijnen lof en eer.quot;

5.

Franciscus durft het wagen ,

De oneindige Majesteit ,

Zoo'n groote gunst te vragen Voor 's menschen zaligheid. Dat Jezus zelf verklaarde :

„'t Is veel hetgeen gij vraagt En bij de beê zich paarde De beê der Moedermaagd.

ocr page 19

17

6.

Toen werd verhoord zijn bede ,

Mits hij bevestiging ,

In Eome's eemv'ge stede ,

Van zijne gunst ontving, Die steeds nog duizend zielen ,

Verlangend om gena., Berouwvol neer doet knielen : Het is ... . Porünncula !

7.

Laat ons in zegeklanken ,

Voor 't groot Portiuncula , j Den goeden Jezus danken ;

En biddend om gena ,

Voor 't heil der kostb're zielen ,

De prijs van Jezus' Bloed ,

Zeer dikwijls nederknielen ;

Dit zij ook ons steeds zoet !

No 1 Oa. De H. Francisciis met liet Kruis.

Wijze : Creator ahtie sidertiin.

Jam lucis orto sidere. i Tot U, o Gorcums heldental.

1.

Het kruisbeeld trok Franciscus' hart, Om redtn van de lijdensmart,

Die in zijn lichaam en zijn ziel Den Heer voor ons te beurte viel.

ocr page 20

18

In de open Wonden , doornenkroon En bitt'ren kruisdood van Gods Zoon , Las hij de liefde, waardoor God Erbarming brengt in 's menschen lot.

3.

En in die wonden , doornenkroon En bitt'ren kruisdood van Gods Zoon , Las hij 't gebod zoo groot, zoo zoet , Dat 's menschen ziel beminnen moet.

4.

Ook in die wonden , doornenkroon En bitt'ren kruisdood van Gods Zoon , Verkreeg Franciscus zielekracht, Waardoor hij dat gebod volbracht.

5.

En knielde hij voor 't kruisbeeld neer , Plet bloedig beeld van onzen Heer , Dan smolt zijn ziel van liefdegloed , En stortte hij een tranenvloed.

6.

En hield hij 't kruis aan 't hart gedrukt , Dan werd hij vaak in God verrukt, En scheen het dat hij hier in God , Genoot der Heil'gen eeuwig lot.

ocr page 21

19

7

,0 Jezus,quot; sprak hij dikwijls luid , „O stort in mij uw liefde uit!

rDat uwe liefde, sterk en zoet,

„Voor U verslinde mijn gemoed.

8.

„O, dat ik eens van U verwierf „Die om mijn liefde uit liefde stierf, „Uit liefde om uwe liefde, o God , „Te mogen sterven, zalig lot!quot;

9.

O broeders! welk een liefdetaal!

Voor 't kruis herhaald, wel duizendmaal Een taal die moet gekomen zijn Uit 't hart eens aardschen serafijn.

10.

Francisous ! aardscho serafijn !

O mocht het kruisbeeld voor ons zijn Een bron van liefde tot den Heer ;

Zijn liefde toch vraagt liefde weer.

IVo 10 lgt;.

1.

Toen eens Francisous bad voor 't kruis , In een vervallen bedehuis.

Sprak Jezus met een zoete stem ,

Door 'tkruisbeeld, dit geheim tot hem;

ocr page 22

20

2.

„Franciscus ! ga , wil steuning biên „Mijn huis , dat wij vervallen zien.quot; Zoo klonk daai- driemaal zoet tot hem , Door 't kruisbeeld , Jezus Christus' stem.

3.

Franciscus dacht aan 't bedehuis ,

Waarin hij knielde voor het kruis ;

Doch Jezus vroeg het groote werk Der ondersteuning van zijn Kerk.

4.

Drie sterke Orden, sterk door 't kruis , Moest hij gaan stichten in Gods huis ; — Geen mensoh'lijk maar een godd'lijk werk, Tot steun van Jezus' heil'ge Kerk.

5.

Terwijl hij deze stichting doet

Bleef 't kruisbeeld hem aan 't harte zoet

En Jezus gaf zeer liefderijk

Door 't kruis een tweede liefdeblijk.

0.

Want, toen Franciscus eens verrukt, Zijn lippen op de wonden drukt Van 't bloedig beeld van onzen Heer Liet Jezus zich van 't kruishout neer,

ocr page 23

21

De Heer vergat zijn liidenssmart , En drukte zijnen vriend aan 't hart , Franciscus drukt zijn Heer aan 't hart, En deelt in zijne hjdenssmart.

8.

O broeders ! wie begrijpt het feit,

Van zulk een teed'ren liefde-strijd? Men moet daartoe een Serafijn Van liefde , als Franciscus zijn.

9.

Het kruisbeeld bleef de grootste schat,

Dien hier Franciscus ooit bezat ,

En Jezus gaf zeer liefderijk Door 't kruis een derde liefdeblijk.

10.

Franciscus knielde eens biddend neer , En dacht op 't kruis van onzen Heer ; En ziet! daar daalt van 's hemelstrans De Heer aan 't kruis , omstraald van glans.

IJ.

Franciscus voel' 't dan in zijn hart, De vreugde beurt'lings met de smart; De vreugde , wijl hij Jezus zag ;

De smart, wijl hij aan kruishout lag.

ocr page 24

22 12.

Yan liefde werd zijn ziel verrukt; En Jezus heeft hem ingedrukt Zijn heil'ge wonden , bloedigrood ; Franciscus droog ze tot zijn dood.

13.

O broeders ! wilt gij , dat de Heer Van 't kruis op u ziet minnend neer? O hebt dan godsvrucht tot het kruis , En maakt het 't sieraad van uw huis.

]No 11.

Eerbied van den H. Franciscus voor liet Allerli. Sacrament en den Priester.

quot;Wijze : Fius-lied, Pitis nonus pastor bonus. Lied tot dm II. Jozef.

Zie Hamlboekje voor de Congreganisten van O. L. V.

1.

Uwe liefde, Sint Franciscus ,

Tot het heilig Sacrament ,

Is uw zonen en uw dochters ,

Tot hun troost, niet onbekend.

Doch uw allerdiepste eerbied Voor het heilig Sacrament En den priester , den bedienaar , Is nog meer door hen gekend.

ocr page 25

23

2.

Hield uw liefde, bij uw Jezus

Uren lang U neergeknield t Was uw eerbied voor zijn grootheid,

Die U nochtans wederhield Van het priesterschap des Heeren ;

Die verheven waardigheid ,

Die , te zwaar voor englen-schouders, Toch een monsch is toebereid.

3.

Ja! uw eerbied voor don priester. Om zijn waardigheid en macht, Was zóó groot, o heil'ge Vader,

Dat die U zoo verre bracht Van te zeggen : „zoo 'k een priester

„Met een engel Gods ontmoett', „'k Zou den priester vóór don ongel „Bieden mijnen eerbieds-groet.

4.

„ k Wil de priesters hoogst eerbied'gen ,

„'k Zie in hen den Zoon van God , „Van wien ik niets kan aanschouwen

In dit aardsche ballingslot,

„Dan zijn allerheiligst lichaam ,

„En zijn godd'lijk Offerbloed , „Dat alleen zij consacreeren ,

„Dat door hen de zielen voedt.

ocr page 26

24

5

Zooveel eerbied had Franciseus

Voor den priester; 'tis bekend! Wie begrijpt dan ooit den eerbied Dien hij had voor 't Sacrament! Want de priester is verheven

Om dit hoog geheimenis ,

Waarin Jezus met zijn Godheid En zijn heil'ge Menschheid is.

6.

Vol ontzag en heil'gcn eerbied ,

Als een Engel voor Gods troon , Knielde steeds Franciseus neder

Voor hot autaar van Gods Zoon ,, En aanbad hij, diep ootmoedig ,

Vol geloof en vurigheid ,

Alsof zag hij Haar ontsluierd , De verborgen Majesteit.

7.

Eed'le ziel! van 't stof ontheven ,

Die nu in do Godheid ziet, En in haar ontsluierd Wezen

Zielverrukkend vreugd geniet: Geef ous uwen diepen eerbied Voor het hoog Geheimenis , En den priester, die op aarde De bedienaar er van is

ocr page 27

25

ÜNo lt2.

De H. Franciscns , een onschnldige Adam in het Paradijs.

Wijze : Moeder vol ran teederheid ,

Vol van zoete majesteit.

Zie Handboekje voor de Congreganisten van O. L. V.

1.

Adam vol van majesteit,

In uw hof van heerlijkheid ,

Wat waart gij wonderschoon ,

Eer satan roofde uw kroon.

2.

Reeds bestemd voor 't llomelland , Kwaamt gij heilig uit Gods hand; Een zoet verkeer met God ,

Het was uw zalig lot.

3.

't Lichaam rein , onsterflijk sterk ;

Koning van het scheppingswerk ;

De gaaf van groot verstand ;

Dit was u toeverpand.

4.

't Paradijs, uw koningshof,

Tot vermaken rijk aan stof,

Zoo heerlijk wonderschoon ,

Was ook der dieren woon.

ocr page 28

26

5.

Alle dieren waren tam ;

Als gij riept, eenieder kwam ; Het gansche voog'lenlieer Zat lieflijk bij U neêr.

6.

Maar helaas ! gij onschuldskroon , Zoo verrukkend wonderschoon , Door zondeschuld geroofd , Ontvielt gij ons het hoofd.

Doch Franciscus , Adams Zoon , Won een parel van die kroon , Werd in dit ballingsrijk , Aan Adam zeer gelijk.

8.

Door de kracht van Jezus' Bloed, In den heil'gen watervloed , Geheiligd van het kwaad ,

Bleef hij in Adam's staat.

9.

Jongeling vol eerbaarheid ,

Hield hij steeds zijn zuiverheid , Als die voor Adams val , Zoo helder als kristal.

ocr page 29

27

10.

Xolfs den prikkel van het kwaad

Die na 't doopsel voortbestaat, En menig ziel verleidt, Verstikt' hij door don strijd.

11.

Door de liefde tot zijn God

Won Franciscus Adams lot , De vriendschap met don Hoer , Zijn hemelscli, zoet vorkeer.

12.

Om zjjn groote heiligheid

Hemelsche goedaardigheid , Ontving hij het bestier , Als Adam , over 't dier.

13.

quot;Want de dieren waren tam .

Kiep Franciscus , ieder kwam , Het gansche voog'lenheer Zat lieflijk om hem neer.

14.

Groote Heil'ge , Adams zoon ,

Geef een parel van de kroon , Oorspronklijk ons bereid , Een ware heiligheid.

ocr page 30

28

No 13.

Ter eere Tan den H. Ludovicns ,

Patroon der Broeders van de Derde Orde. Wijze : Piuslied.

Lied tot den H. Jozef.

Zie Handboekje voor de Congreganisten van O. L. V. No 4G.

1.

Ludovicus heil'ge koning ,

Luister van uw vorst'lijk huis , Overwinnaar van de wereld ,

Door uw liefde tot het kruis ;

Groote zoon van Sint Franciscus ,

Onze broeder en patroon ,

Ludovicus , hoor ons smeeken ,

Bid voor ons in 's hemels woon.

2.

Om uw groot geloof, o koning,

Dat gij hadt in 't Sacrament,

Zijt gij hoog door ons geprezen ,

In geheel de Kerk gekend.

Daar aan Jezus' god'lijk harte ,

Daar ontvingt gij heldenmoed ,

Om het aardsche te verachten ,

Slechts te minnen 't eeuwig goed.

3.

Goede Jezus , hoor ons smeeken ,

Door uw vriend U aangeboón,

Door den heil'gen Ludovicus ,

Onzen broeder en patroon ;

Geef ons op zijn vuur'ge voorspraak ,

Groot geloof in 't Sacrament Waarin gij bij ons wilt rusten ,

Tot der wereld loop volendt.

ocr page 31

29

Aan uw open hartewonde ,

Putton wij don heldenmoed , Om als koning Ludovicus ,

Slechts te minnen 't eeuwig- goed; En door liefde tot het lijden,

ïot het kruis van U , o God . Te versmaden de ijd'le grootheid , 't Aardsche goed en zingenot.

gt;.To 11.

Ter eerc vim de H. Elisabeth van Hongarije , Patrones der Zusters van de Derde Orde. Wijze: Tot U, o Gorcums Heldental.

Tot TJ , o ed'le landgravin Snell' onze zang den hemel in , Tot U , o heilige prinses, Elisabeth , o patrones !

o

Aan zingenot of aardsche pracht,

Hebt gij geen hulde ooit gebracht, Maar reeds in uwe vroegste jeugd , Vondt gij bij God uw grootste vreugd.

Beschouw ik ganscli uw levensloop , Dan zie ik , hoe gij steeds uw hoop Op God alleen gevestigd hioldt , En niet zijn liefde waart bezield.

ocr page 32

30

4.

Want schoon gij waart een njksvorstin Toch voerdo U God het lijden in :

Doch in dien storm hioldt gij uw oog , In groot vertrouwen naar omhoog.

5.

Ellende en armoe werd uw lot , En toch hieldt gij uw hoop op God ; Verheugd in 't kruis , en niet bedroefd quot;VVerdt gij als goud in 't vuur beproefd

6.

En toen verdween het wreed geweld , En gij werdt in uw recht hersteld , Toen schonk gij met een blij gemoed , Den armen al uw huw'lijksgoed.

7.

Toon naamt gij aan het Orde-kleed , Waarin gij veel versterving deedt, De wereld vluehttet met haar pracht , Aan God U gansch ten offer bracht.

S.

Slechts vier en twintig jaren oud , Werdt gij door God bereid aanschouw Uw kroon te ontvangen uit zijn hand In 's Hemels eeuwig vaderland.

9.

O geef, beminde Elisabeth ,

Dat ik mijn geest en hart steeds zett'

Niet op der wereld ijdelheid ,

Doch slechts op God mijn zaligheid !

ocr page 33

31

Ter eere ran den H. Antonins \an Fadna.

quot;Wijze : Wien Neêrlandsch Woed.

1.

Komt, heffen wij een loflied aan ,

Dat stijgt naar 's hemels sfeer , Den groeten heil'gen Franciscaan

Antonius ter eer ;

Wiens gloriezon in Jezus' Kerk,

Blijft schitt'rend als het goud ;

Wiens macht en deugd en ■wonderwerk

Door de eeuwen wordt aanschouwd. (6iS.)

O zaal'go vrucht van Spanje's grond ,

Itaalje's schitt'rend licht,

Bazuin die 's Heeren wet verkond' Tot dat de boosheid zwichtt'; Gij reus in 't groot bekeeringswerk ,

Het preeken nimmer moê , Gij waart een steun in Jezus' kerk , Der ketters geeselroo. (bis.)

3.

Uw sterk Geloof, uw vaste Hoop,

Uw Liefde tot uw God ,

Zijn zonnen die nog in hun loop

Ons koest'ren in ons lot.

Uw roze van verduldigheid,

Zij geurt nog heerlijk fijn ; De lelie van uw zuiverheid

is schoon als wit satijn, {hia.)

ocr page 34

Antonius , o toevluchtsoord

Voor 't mensoh'lijk ongeluk ,

Gij waart en zijt door 't wonderwoord

Vertrooster in den druk.

De duivel , ziekte en stormgeloei,

Het vliedt op uw gebed 5 Wat dwaalt of is in zondeboei,

Het wordt door U gered, (bis.)

5.

Wie onzer heeft verloren g-oed ,

O groote volkspatroon ,

Hij bidt tot U een „Wees gegroetquot;

En vindt uw hulpbetoon.^

Geen menseh die niet een wonderwerk

Op zijn gebed genoot ,

W anneer hij 't G-od niet 't zegelmerk Van uw gebed aanbood, {bis.)

6.

Uw gloriezon in Jozus' Kerk

Blijft schitt'ren als het goud ;

Uw macht en deugd en wonderwerk

\\ordt daag'lijks nog aanschouwd Antonius , 0 volkspatroon .

Die zetelt bij den Heer ;

Wij smeeken U , vóór uwen troon , Zie zeeg'nend op ons neèr. (bis.)

I M P E I M A T U E.

M. F. DE BEEE, Sup.-Gen. et Dec. ad hoe deleqah

liLBURGi , 18 Octobris 1888.