ocr page 1

Vak 11

'1. 'r -- ''

!:n)

ppiFODuiiip JWfiipgjjsrjtf pFnljfanng

YSgt;

DER

1

ff»'

J

VOOR

Kefk-, Höl\ool- ei] fltii^gdbi'uik: yooral 7oör Msieren, die zicli yoorliereiïen tol de eerste H. Coiinnie

DOOR

A. B. LEIJSER,

Pastoor te Zeddam.

II

KERKELIJK GOEDGEKEURD.

1893.

STOOMDRUK M. WATERREUS, ROERMOND.

/

ocr page 2

11

ocr page 3
ocr page 4
ocr page 5

VaA- ij

Drievoudige ^

Liturgische verklaring

Kei'k-, ^cl\ool' ei] Huisgebruik;

rooi'al voor kindeken, die 4;icl) vooi'bei'eidei) tot de eerste 11. Con\n\iir|ie

DOOk

A, B, L E IJ S E R,

Pastoor ie Zeddam.

ocr page 6

imprimatur.

Ultrajecti, 3 Septembris 1893.

J. G. H. C. ESS INK, libr. cens.

ocr page 7

ERSTE WIJZE YAN VERKLARING.

(êltcfetneene deet,

I.

Over het altaar en zijn toebehooren.

i Vraag. Waar wordt het Misoffer opgedragen ?

Antwoord. Op de altaren der katholieke kerken.

2. Wat beteekent het altaar?

Den disch, waaraan Jesus met Zijne Apostelen in 't laatste Avondmaal gezeten was.

3. Welke voorwerpen moeten op het altaar voor het opdragen der H. Mis aanwezig zijn ?

Een altaarsteen, een altaaronderkleed of bedekking en een wit bovenkleed, een Crusifix en ten minste twee brandende kaarsen.

4. Wat is de altaarsteen?

Een in het midden des altaars ingelaten steen, waarin zich H. Reliquieën bevinden, of wanneer de Bisschop zelf

ocr page 8

het altaar heeft gewijd, dan is de geheele steenen altaartafel ook de altaarsteen.

5. Hoe ontstond dat gebruik?

In de eerste tijden der kerk kwamen de christenen gewoonlijk bij de graven der martelaars te zamen en vierden daar de H. geheimen der Mis. Later bouwde men kerken op die graven, of bracht het heilig gebeente der martelaren elders in de kerken en begroef het onder de altaren.

6. Waarom wordt het altaar met een witten doek bedekt?

Uit eerbied en godsvrucht; want, als men bij ^onze maaltijden de tafel met een kleed bedekt, hoeveel te meer betaamt het dan bij dit heilig Offermaal?

Onder den witten altaardoek moet nog een dubbel onderkleed liggen, om het heilig bloed, wanneer er soms iets gestort werd, op te vangen en zoo te beletten, dat het op den grond vloeit. Deze dekkleeden mogen van mindere stof zijn, b. v. grof linnen.

7. Wat zegt ons het Crusifix?

Het leert ons, dat zich hier dezelfde Christus voor ons óffert, die zich eens aan het kruis offerde; niet op een bloedige, maar onbloedige wijze.

8. Wat beduiden en wat herinneren ons de brandende kaarsen ?

a. Zij beteekenen het geloof, dat verlicht, de hoop, die hemelwaarts stijgt, en de liefde, die ontvlamt.

I'. Zij herinneren aan Christus, ,,het licht der wereld. 1

c. Zij herinneren tevens aan de tijden der christenvervolging, toen de godsdienstoefeningen in onderaardsche holen (katakomben) gevierd werden.

ocr page 9

II.

Van den kelk en de overige altaarbenoodigdheden.

9. Welke heilige voorwerpen, benoodigd voor het H. offer, brengt de Priester mede op het altaar?

De kelk, de pateen (een verguld zilveren bordje), de palla of dekkleedje over den kelk, opdat er geen stof of insect in-valle, een doekje, om den kelk te reinigen, de kelkdoek en de bursa of beurs, waarin zich de corporaal bevindt.

10. Wat is da corporaal?

Een doek van wit linnen, waarop het lichaam (corpus) des Heeren gelegd wordt. Jozef van Arimathea wikkelde Jesus lichaam ook in wit lijnwaad.

11. Uw hart moet den Heiland ook opnemen; in hoeverre gelijkt het nu op de corporaal, de kelk en de pateen?

Mijn hart moet evenals de corporaal sneeuwwit zijn (d. i. zuiver van zonde,) het moet zich evenals de kelk, altijd naar boven openen en zooals de kelk en de pateen in het goud der liefde schitteren.

III.

Van de altaargewaden en de kerkelijke kleuren.

12. Waarom draagt de priester bij het H. Offer een bijzondere kleeding?

a. Om den godsdienst van de wereldsche feesten te onderscheiden, zooals God in het Oud-Verbond ook reeds had voorgeschreven. 2 Moz. 28, 53.

b. Omdat de priester niet optreedt in zijn eigen naam, maar

ocr page 10

in naam en opdracht van Jesus Christus. Op gelijke wijze dragen de gezanten der vorsten een bijzondere kleeding, als zij bij feestelijke gelegenheden in hunnen naam optreden. — Zij herinneren ons tevens aan de bespottelijke kleeding, waarmede Jesus vijanden Hem in Zijn lijden bedekten.

13. Hoeveel stukken beJiooren tot de priesterlijke kleeding?

Zes; de schouderdoek (humerale,) een lang wit kleed (albe,)

de gordel (cingulum,) de armband (manipel,) de stola en het opperkleed (casula.)

14. Wat weet gij van den schouderdoek (humerale) te zeggen ?

Vroeger bedekte de priester met de humerale zijn hoofd, als met een helm, opdat hij zijne gedachten, zijne oogen en ooren tegen verstrooiing zou vrijwaren.

De schouderdoek moet de aanwezigen tevens aansporen om met aandacht en eerbied het H. Offer bij te wonen en oog en oor op de heilige handeling te richten. Verder is die doek een zinnebeeld van den doek, waarmede men het hoofd van den gevangen Verlosser bedekte om Hem te bespotten.

15. Wat beteekent het lange witte kleed (albe)?

Het beteekent de maagdelijke zuiverheid, waarmede de priester moet versierd zijn.

De albe herinnert tevens den geloovigen, dat 'zij met een zuiver hait bij het heilig Offer tegenwoordig moeten zijn en aan het witte spotkleed, dat Herodes Jesus liet omhangen.

16. Wat beduidt de gordel?

Ze beduidt de onthouding en matigheid, waardoor het lichaam met zijne booze begeerten getuchtigd wordt.

De geloovigen moeten geestelijkerwijze omgord, de H. Mis bijwonen, d. i. ingetogen en eerbiedig. Het cingulum of gordel herinnert ons tevens aan de banden en koorden,

ocr page 11

waarmede men den Heiland knevelde bij Zijne gevangenneming.

17. Waaraan herinnert ons de armband of manipel?

Den band om den linkerarm gebruikte de priester in vroegere tijden om zich het zweet af te drogen; zij herinnert hem derhalve, dat hij zich ter liefde van Jesus gaarne arbeid en moeite moet getroosten.

De manipel vermaant ons allen, om ter wille van Jesus geen moeite noch zelfopoffering te vluchten. Ook herinnert de manipel aan de ketens, waarmede Jesus beladen werd.

18. Wat is en wat beduidt de stola?

Zij is een zijden of woilen streep, die kruiselings over de borst afhangt, doch was in vroegeren tijd een breed feestkleed, en beteekent het feestkleed der heiligmakende genade, waarmede ieder onzer versierd moet zijn, wil hij plaats vinden aan den feestdisch des Heeren, Mat. 22.

iQ. Wat beduidt het misgewaad, kasuifel of casula?

Het opperkleed of casula was in vroegere tijden een ronde wijde mantel, niet los aan de zijde en beduidt:

a. de liefde Gods en des naasten, die als in een wijden mantel al de deugden in zich sluit en de fouten van den naaste verbergt.

b. het juk van Christus, d. i. de leer en de geboden van den Gekruisigde, dien wij moeten navolgen, vandaar dat op de rugzijde gewoonlijk een kruis is aangebracht.

Het kasuifel is tevens het zinnebeeld van den spotmantel, dien de soldaten Jezus omhingen.

20. Bij de godsdienstplechtigheden zijn de kleuren der kleedingstukken op eenige dagen verschillend; wat beduidt dat ?

a. Wit beteekent onschuld en heilige vreugde.

Die kleur wordt gebruikt op de feestdagen des Heeren, van Maria en van alle heiligen, die geen martelaar zijn.

ocr page 12

b. Rood beteekent de liefde Gods, die den mensch de kracht schenkt zijn bloed aan God en godsdienst ten offer te brengen.

Men gebruikt die kleur op de feesten van den H. Geest, den Geest der liefde, en op de feesten der Apostelen en Martelaren.

c. Paars beduidt ootmoed en boetvaardigheid.

Men gebruikt die kleur dan ook in den Advent, den Vastentijd, op de Vigilie- en Quatertemperdagen.

d. Zwart is de kleur der rouw.

Vandaar dat ze gebruikt wordt bij de missen voor de overledenen en op goeden Vrijdag.

e. Groen is het teeken der hoop en van het eeuwig leven.

Deze is de grondkleur van het kerkelijk jaar en wordt altijd

gebruikt, wanneer geen andere kleur is voorgeschreven.

IV.

Over de kerkelijke taal.

21. Waarom wil de Kerk, dat men in de H. Mis overal dezelfde taal moet gebruiken ?

De Kerk wil zulks :

a. Wijl de katholieken over de wereld verspreid, hoe verschillend ook in taal, slechts ééne familie in Christus uitmaken.

b. Opdat hare kinderen in alle katholieke tempels over de wereld zich, als in het moederhuis, zouden te huis gevoelen.

22. Waarom kiest de Kerk eene doode taal, d. i. eene taal, die niet meer gesproken wordt ?

a. Omdat eene doode taal niet meer veranderd wordt en eene levende voortdurend aan veranderingen onderhevig is.

ocr page 13

— 9 —

b. Omdat eene doode taal eerbiedwaardiger is, daar zij in de dagelijksche samenleving niet gebruikt, noch misbruikt wordt.

c. Verschillende andere gezindten gebruiken bij hunne godsdienstplechtigheden ook doode talen. Zoo b. v. gebruiken de Indiërs het Sanskrit, de Grieken het Oud-Grieksch en de Russen de Oud-Slavische taal.

23. Waarom geeft de Kerk de voorkeur aan de latijn-sche taal?

Omdat zij van Rome stamt, vanwaar ons ook het geloof geworden is.

24. Moet het volk dan niet alles verstaan, wat bij de godsdienstoefeningen geschiedt ?

Dat is noodzakelijk wat ds predikatie en den catechismus betreft, maar wat de Mis aangaat, is het voldoende te weten, welke geheimen daarin voorkomen en de ceremoniën te begrijpen. Daarom bevatten de gebedenboeken ook de misge-beden in de landstaal.

V.

Van de zich herhalende ceremoniën en woorden onder de H. Mis.

25. Hoe moet men de ceremoniën der H. Mis beschouwen?

Zij stammen uit de oudste en vele uit de apostolische

tijden en hun schoone en geheimnisvolle zin moet ons hart met aandacht en eerbied vervullen. »Wanneer ik mijn knie buig, dan buigt zich ook mijne ziel,quot; schrijft de H. Aug.

26. Welke ceremoniën en woorden komen dikwijls voor in de H. Mis?

1. Het vomven der handen.

ocr page 14

- IO -

2. Het buigen des hoofds.

3. De diepe buiging des lichaams.

4. De kniebuiging.

5. Het kloppen op de borst.

6. Het maken van het kruisteeken.

7. Het kussen des altaars.

ü. Het Dominus vobiscum.

9. Het Oremus.

10. Het uitstrekken der handen bij het gebed.

n. De verheffing der oogen en handen.

12. Het gebruik van wierook.

27. Wat beduidt het vouwen der handen?

Het beduidt de vermijding van verstrooiing en ook dat men hulpeloos, als een geboeide voor God staat en erbarming en medelijden van Hem verwacht.

28. Wat beteekent het buigen des hoofds?

Het is, zooals in het dagelijLich leven, een teeken van eerbied en vandaar dat men het hoofd neigt voor het kruis en voor de heiligen beelden en bij het uitspreken van heilige namen.

29 Wat beduidt de diepe buiging van het lichaam ?

Zij wil zeggen, dat de priester zich naar de ziel ook diep voor God verootmoedigt.

30. Waartoe dient de kniebuiging?

Zij dient ter aanbidding van den in het H. Altaar-sacrament vetborgen Verlosser of wel ter aanbidding van God.

31. Wat zegt ons het kloppen op de borst?

Het wil zeggen, dit men voor zijne zonden straffen heeft vetdiend en bereid is zich zeiven te tuchtigen, d. i. boete te doen, zooals de tollenaar in het Evangelie.

ocr page 15

32. Waarom komt het kruisteeken zoo dikwijh voor in de H. Mis?

a. Opdat men bij het H. Offer steeds aan Jesus kruisdood denke; want zoo dikwijls wij dit brood eten en dezen kelk drinken, moeten wij den dood des Heeren verkondigen, totdat Hij kome.

b. Meermalen dient het ook om het volk, of het offer, of den priester zelf te zegenen.

33. Wat beduidt het kussen des altaars ?

Deze kus is een teeken van hoogachting voor de heiligen, bijzonder voor hen, wier reliquieën of overblijfsels op het altaar rusten.

34. Wat beduiden de woorden „Dominus vobiscum,quot; en wat antwoordt de misdienaar in naam des volks daarop?

a. Het is een zegenwensch, genomen uit den Bijbel (Ruth, 2. 4.) en wil zeggen, „de Heer zij met uquot; (de Heer bidt nu met u bij den Vader in den hemel). Achtmaal komt deze zegenwensch in de H. Mis voor.

b. Bij monde van den misdienaar antwoordt het volk: ,,Et cum spiritu tuo,quot; d. i. ,,en met uwen geest.quot;

35. Waartoe dient het dikwijls herhaalde „Oremus?quot;

Dit woord wil zeggen; „laat ons bidden,quot; en de priester iioodigt daardoor het volk uit, om bij gewichtige gebeden, zoo als de Kollecte, Offerande, Pater noster enz. met hem vurig te bidden. Dat oremus moet ons telkens tot verrieuwde aandacht en godsvrucht opwekken.

36. Wat beduidt het uitstrekken en het weder te samen voegen der handen bij het Dominus vobiscum en Oremus?

Dat is: 1. het teeken der alles omvattende liefde, 2.deuit-noodiging aan de geloovigen om met vereischten eerbied en godsvrucht mede te bidden.

ocr page 16

12

37- Waarom bidt de priester veeltijds met uitgestrekte armen?

Omdat Jesus aan het kruis ook met uitgestrekte armen voor alle menschen bad en offerde.

38. Wat beteekent de verheffing der oogen en handen? Zij beduidt da verheffing der ziel tot God en het verlangen

naar genade en hulp van boven.

39. Waartoe dient het gebruik van wierook?

a. De wierook is sedert de oudste tijden het teeken der vereering, vandaar dat God gewijde zaken en personen ook bewierookt worden, voornamelijk het H. Altaarsacrament.

b. Het zinnebeeld des gebeds, dat uit een van liefde gloeiend hart als een welriekend offer tot God moet opstijgen. (Ps. 140, 2.)

c. Een sacramentale en vandaar zegen aanbrengend.

II.

cffet bizondere deet.

40. Hoeveel hoofddeelen heeft de H. Mis ?

Drie: 1. de opoffering, 2. de consecratie, 3. de nuttiging.

41. Begint de H. Mis met de opoffering van brood en wijn ? Neen, verscheidene gebeden en ceremoniën gaan vooraf,

welke te zamen de voormis uitmaken.

§ 1.

42. Welke stukken behooren tot de voormis?

ocr page 17

1. De confiteor.

2. De introïtus.

3. De Kyrie.

4. De gloria.

5. De collekte.

6. De Epistel.

7. Het Evangelie.

43. Waar wordt de „Confiteorquot; gebeden?

Aan den voet des altaars.

44. Wat is de beteekenis van dit gebed en de daarmee verwante?

a. De priester spreekt daarin met de woorden van den 42 Ps. het vurig verlangen uit, de H. Mis op te dragen.

b. Daarna belijdt hij in den „confiteorquot; dat hij schuldig is voor God en roept de voorbede in van Maria en alle heiligen.

c. Eindelijk smeekt hij God om erbarming en medelijden.

45. Waarom bidt de priester dit gebed aan den ondersten trap van het altaar?

Daardoor bekent hij openlijk, eigenlijk onwaardig te zijn zoo nabij het heiligdom te staan en met den rouwmoedigen Tollenaar in den tempel van verre te blijven.

46. Wat doet de priester na den „confiteor?'

Vol vertrouwen op de goddelijke barmhartigheid beklimt hij het altaar en bidt ter rechterzijde den Introïtus.

47. Wat is dat?

Het zijn eenige verzen uit de H. Schrift passend op het feest van den dag. Zoo b. v. op 't feest van Kerstmis: „Een Kind is ons geboren, een Zoon is ons geschonken, op wiens schouders heerschappij rust.quot; enz.

48. Waarom noemt men dit gebed Introïtus?

ocr page 18

— 14 —

Introïtus beteekent „ingangquot; en wordt aldus genoemd, omdat het in vroegere tijden gezongen werd, terwijl de priester zich naar het altaar begaf.

49. Wat bidt de priester vervolgens in het midden des altaars ?

De Kyrie d. i. een negenmaal herhaalde smeekbede tot God om erbarming en medelijden (driemaal gericht tot ieder der goddelijke personen.)

50. Waartoe dient die herhaalde bedef

Wij willen door dezen kinderlijken aandrang bewerken, dat de Heer medelijden met onze ellende hebbe en zich des te meer geneigd toone, om het gebed te verhooren, dat de priester, later in naam des volks, verrichten zal. (Vergelijk de blinden aan den weg.)

51. Wat volgt gewoonlijk op de Kyrië?

De Gloria. (Bij Missen in het paars of zwart valt de Gloria weg.)

52. Wat is de Gloria?

Een lofgezang, hetwelk ons vervult met vertrouwen op God, beginnende met de woorden: Gloria in excelsis Deo, d. i. Eere zij God in den hooge.

De Gloria bestaat uit twee deelen: het eerste is een lofgebed tot God den Vader („Eere zij God in den hooge,quot;) het tweede is een smeekbede tot God den Zoon om vrede (,,Vrede den menschen op aarde van goeden wil.quot;)

53. Wat is de Kollekte?

Dat is een smeekgebed, waarin alle wenschen en beden der aanwezende geloovigen bijeen genomen, aan God worden opgedragen en daarom ook kollekte of verzameling genoemd wordt.

54. Wat vraagt de priester door dit gebed?

ocr page 19

— IS —

Hij vraagt verschillende zaken, maar vooral om geestelijke goederen; b. v. liefde tot God, een boetvaardig hart, vergiffenis der zonden, om vrede, enz.

55. Hoeveel koliekten zijn er?

Somtijds wordt er één, en nu en dan worden er wel eens meer gebeden.

56. Wat beteekent het woord Epistel?

Epistel wil zeggen: brief.

57. Waarom wordt het zoo genoemd?

Wijl het gewoonlijk een stuk is uit de brieven der Apostelen.

58. Wanneer eindigt de voormis ?

Met het Evangelie, d. i. met de voorlezing uit een der vier Evangelisten.

59. Wie hebben de lezing der H. Schrift in de H. Mis opgenomen ?

De Apostelen, zooals blijkt uit den brief van den H. Paulus aan de Kollossenzen 4,16.

60. Waarom wordt het Evangelie aan de rechterzijde des altaars gelezen?

Om den voorrang aan te geven, wijl Christus zelf in het Evangelie, de Apostelen of profeten in de Epistels tot ons spreken.

61. In hoeverre geeft de Evangeliezijde den voorrang te kennen ?

Zij ligt ter rechterzijde van het Crusifix en geldt derhalve als de eereplaats.

62. Waarom wordt eerst het Epistel en daarna het Evangelie gelezen?

Wijl de profeten of de Apostelen in het Epistel eerst den Heer den weg tot onze harten moeten bereiden, opdat wij

ocr page 20

— i6 —

Hem in het Evangelie des te gereeder aanhooren en in onze harten opnemen.

De profeten waren de wegbereiders van den Verlosser in het O. V. B., de Apostelen in het Nieuwe Verbond.

63. Waarom maken de priester en het volk bij het Evangelie het kruisteeken op het voorhoofd, mond en borst?

Omdat we de leer des Gekruisigden met het verstand verstaan, met den mond belijden en in het hart bewaren moeten.

64. Waarom moeten wij het Evangelie staande aanhooren?

a. Uit eerbied, zopals het knechten betaamt, wanneer hun

heer bevelen geeft. i

b. Om te toonen, dat wij terstond bereid zijn de bevelen, i in het Evangelie gegeven, na te leven.

65. Waarom kust de priester na de lezing het boek?

Om te toonen, hoe dierbaar ons Jesus woord en gebeden zijn.

66. Wat volgde in de eerste tijden des Christendoms altijd

op 't Evangelie? É

De predikatie.

67. Wie moesten in vroegere dagan na het Evangelie de J Kerk verlaten?

De openbare zondaars en de heidenen en joden, die zich 1

voorbereidden, om het H.Doopsel te ontvangen.(Katechumenen.)

I

§ 2.

De opoffering van brood en wijn.

68. Welke stukken behooren tot de opoffering? De volgende tien:

1. De Credo.

2. Een Antiphoon.

e

F

ocr page 21

3. De opoffering van brood en wijn.

4. De opoffering van ons zelf.

5. De aanroeping van den H. Geest.

6. De handenwassching.

7. Een gebed tot de H. Drievuldigheid.

8. Het Orate fratres.

9. De Sekreten.

10. De Praefatie.

69. Wat is de Credo?

Het is de geloofsbelijdenis, welke op het concilie van Nicea in het jaar 325 is opgesteld en begint met de woorden: Credo in unum Deum, enz.

d. i. ik geloof in eenen God enz,

70. Waarom wordt de Credo in de H. Mis gebeden ?

a. Om het ware geloof tegenover de dwaling te belijden.

b. Omdat ons offer, zonder het ware geloof, God niet aangenaam is.

71. Wat doet de priester bij de woorden: „en het vleesch heeft aangenomen?quot;

Hij buigt zijn knie ten teeken van den diepen eerbied, dien hij koestert voor het geheim der menschwording.

72. Wordt de Credo in alle missen gebeden?

Neen, alleen op Zondagen en de feesten des Heeren, van Maria, der Apostelen en gedurende de octaven der feesten.

73. Wat is de Antiphoon?

Het is het begin van een psalm, die in vroegere tijden gezongen werd, terwijl de geloovigen omtrokken, om brood en wijn te offeren. Tegenwoordig offert men nog op eenige plaatsen, vooral bij uitvaarten.

74. Wat offert de priester het eerst?

De hostie, d. i, ongezuurd brood, vervaardigd van tarwemeel.

ocr page 22

— i8 —

75. Hoe offert hij die?

Hij heft de pateen, waarop zij ligt, in de hoogte en bidt God, dat Hij dit ofter tot ons heil aanneme.

76. Waarom houdt hij de hostie met de pateen in de hoogte ?

Zoodoende biedt hij God, die in den hemel woont, het

offer aan.

77. Hoe offert de priester den wijn?

Nadat hij wijn en eenig water in den kelk heeft gegoten, heft hij ook den kelk in de hoogte, God biddende, dat Hij dit offer aanneme tot heil der geheele wereld.

78. Waarom wordt de wijn met eenig water Termengd?

a. Omdat op het laatste avondmaal volgens de joodsche gebruiken de wijn ook met water vermengd was.

b. Ter herinnering, dat bij Jesus dood ook water en bloed uit Zijne heilige zijde vloeiden.

c. Wijl in Christus de goddelijke natuur met de mensche-lijke vereenigd is.

79. Maar brood en wijn zijn toch nog niet veranderd, waarom worden zij dan geofferd?

a. Om te belijden, dat God de Heer is, van wien spijs en drank en alle goeds voortkomt, wien daarom ook alles toebehoort.

b. Om onder het zinnebeeld van brood en wijn ons leven, dat we dagelijks van God ontvangen, aan Hem op te dragen.

80. Op welke wijze is brood en wijn het zinnebeeld van ons leven?

Brood en wijn zijn spijs en drank. Spijs en drank zijn zoo noodzakelijk voor het leven, dat men bij algeheel gemis daarvan zijn leven verliest.

81. Wat doet dus de priester ook?

Hij offert zich en de geloovigen aan God op in den geest van ootmoed en met «rmorzeld hart.

ocr page 23

82. Hoe moet gij de opoffering medevieren?

Gij moet ook u zalven God opofferen en beloven Hem trouw te dienen tot in den dood.

83. Waarom wordt terstond de H. Geest aangeroepen?

Het geschiedt, opdat de H. Geest het offer zegene en voor

ons vruchtbaar make.

84. Waarin bestaat de handenwassching?

De priester laat zich de toppen zijner vingers met water begieten en bidt middelerwijl den 25en Psalm, beginnende met de woorden: »onder de onschuldigen wil ik mijne handen was-schen,quot; enz.

85. Waarom geschiedt dat?

Om den priester te herinneren, dat hij zuiver moet zijn van zonden, zelfs van dagelijksche, als hij het heilig misoffer opdraagt.

86. Wat doet de priester daarna, om het heilig offer zegenrijk te doen zijn?

a. Diep neergebogen bidt hij de H. Drievuldigheid om dien zegen.

b. Hij went zich tot het volk met de woorden: „orate frates,quot; enz. d. i. bidt broeders, opdat ons offer godgevallig worde!

c. Eindelijk bidt hij in stilte zelf nog een gebed, hetwelk „secretequot;, d. i. stil gebed genoemd wordt.

87. Wat is de praefatie?

Zij is een feestelijke dankzegging en lofprijting Gods, in betrekking tot het feest van den dag.

88. Praefatie beteekent voorwoord, doch waarom; zij sluit toch de opoffering, het eerste voornaamste deel der H. Mis?

Dat is ook zoo, maar zij is tevens de voorbereiding tot het tweede en gewichtigste deel der H. Mis, namelijk de Consecratie of wezensverandering.

ocr page 24

20

89. Waarom dankt en looft de priester God op dit oogenblik ?

De nadering der Consecratie herinnert ons levendig alle genaden, welke ons in Jesus Christus zijn ten deel gevallen, en dringt ons hart tot vreugdevollen dank en lof.

90. Waarmede begint de Praefatie?

Eerst zegt de priester: „Dominus vobiscum.quot; Daarna; „Sur-sum cordaquot; (verheft uwe harten), en het volk antwoordt: „Habemus ad Dominum,quot; (wij verheffen ze tot den Heer). De priester zegt verder: „Gratias agamus Domino Deo nostroquot; (laat ons danken God onzen Heer) en het volk bidt: „Dignum et justum est,quot; (het is billijk en recht).

91. Waarmede eindigt de praefatie?

Met een lofzang op God, welke begint: Sanctus, Sanctus, Sanctus (d. i. heilig, heilig, heilig) en met den Benedictus sluit.

92. Waaraan ontleent de benedictus zijn oorsprong?

Uit den mond der kinderen, die des Verlossers lof verkondigden bij Zijn feestelijken intocht binnen Jeruzalems muren.

Jubel ook gij, o kind! uwen Heiland te gemoet, die weldra op het altaar zal verschijnen door de wezensverandering van brood en wijn.

93. Waarom geeft de misdienaar bij den Sanctus een teeken met de bel?

Om den aanwezigen opmerkzaam te maken, dat nu het voornaamste deel der H. Mis begint, waarin Jesus onder broodsgedaante bij ons komt.

§ 3.

De Consecratie of wezensverandering,

94. Hoe heet dit deel der H. Mis ?

ocr page 25

Kanon, d. i. regel, wijl hij regelmatig in iedere Mis dezelfde gebeden bevat.

95. Welke stukken behooren tot den Kanon f

Tien, namelijk:

1. Het gebed voor de katholieke Kerk.

2. Het memento of gedachtenis voor de levenden.

3. De gedachtenis der heiligen.

4. De [handoplegging.

5. Een vijfmaal herhaalde zegening.

6. De wezensverandering zelf.

7. De opoffering van het heilig lichaam en bloed des Heeren.

8. Het memento voor de overledenen.

9. Een gebed voor ons zondaars.

10. De kleine verheffing.

96. Hoe wordt de kanon gebeden?

In diepe stilte, uit eerbied voor het ontzaglijk geheim der wezensverandering, vandaar ook Stille Mis genoemd.

97. Hoe begint de priester het eerste gebed en wat vraagt bij daarin ?

Hulpbehoevend richt hij hand en hart ten hemel, buigt zich uit schuldbesef terstond weder diep neder en bidt den algoeden Vader, dat Hij dit offer genadig aanneme tot heil en vrede van de katholieke Kerk, in 't bizonder van den Paus en de Bisschoppen.

98. Wat is het memento der levenden f

Een gebed, waarin de priester eenige personen in 't bizonder en vervolgens alle aanwezigen den hemelschen Vader aanbeveelt. Dit gebed begint met de woerden: „Mementoquot;enz., d. i. Gedenk uwe dienaren enz. Zoodra de priester de handen sluit, om in stilte voor eenige bizondere personen te bidden, moet

ocr page 26

— 22 —

gij ook uwe ouders, zusters en broeders, priesters, leeraars en vrienden den Hemelschen Vader aanbevelen.

99. Waarin bestaat de gedachtenis der heiligen?

Hierin, dat da priester de verdiensten en voorbeden van Maria, de Apostelen en alle heiligen aan God voorstelt, opdat Hij ons om hunnentwille verhoore.

100. Wat beteekent de handenoplegging?

De priester spreidt zijne handen over brood en wijn, terwijl hij God smeekt ons ter wille van dit offer voor de verdoemenis te bewaren.

101. Vanwaar stamt deze ceremonie?

Uit het Oud Verbond; toen moest hij, die een dier tot vergiffenis zijner zonden, als een zoenoffer liet opdragen, de hand op het offerdier leggen, ten teeken, dat hij met zijn schuld dit onschuldig dier belastte, opdat het in zijne plaats dè schuld zijner zonden door den dood af boette.

102. Wat beteekent zij derhalve in de Mis?

Zij herinnert ons, dat wij in de H. Mis het ware en eenige offerlam bezitten, hetwelk de zonden der geheele wereld op zich nam, om daarvoor te boeten en dat in iedere Mis onze Verzoener wil zijn. (1 Pet. 2, 22—24.)

103. Wat is het laatste, dat de eigenlijke wezensverandering voorafgaat?

De priester zegent vijfmaal het brood en den wijn en bidt God, dat ze het lichaam en bloed van Zijn beminden Zoon worden.

104. Waarom zegent de priester vijfmaal?

Omdat brood en wijn, het vleesch en bloed des Verlossers zullen worden, van Hem, die aan het kruis uit vijf wonden bloedde.

105. Welk heilig oogenblik is nu aangebroken?

ocr page 27

— 23 —

Het oogenblik, waarin de priester over het brood de woorden van Christus spreekt; „dit is Mijn lichaam,quot; en daarna over den wijn in den kelk: „dit is Mijn bloed.quot;

106. Wat geschiedt door deze woorden?

Het brood wordt in het lichaam, de wijn in het bloed van Christus veranderd, vandaar dat de priester, na het spreken dezer woorden terstond nederknielt en aanbidt.

107. Waarom heft de priester de H. Hostie en den H. Kelk in de hoogte?

Om het volk op te wekken den tegenwoordigen Verlosser onder de gedaante van brood en wijn te aanbidden.'

108. Wat moet gij op het oogenblik, dat de H. Hostie opgeheven wordt, doen?

Het kruisteeken maken, driemaal op uw borst kloppen en zeggen ; „O Jesus, ik geloof in U1 O Jesus, ik hoop op U1 O Jesus, ik bemin U boven alles!quot;

109. En bij de opheffing der kelk?

Hetzelfde doen onder het uitspreken der woorden: „O Jesus, ik leef voor UI O Jesus, ik sterf voor UI O Jesus, ik ben de uwe in leven en sterven!quot;

ito. Wat moeten we doen nu wij het offer bezitten, dat God alleen waardig is?

Wij zijn verplicht het ook aan God op te dragen en dat doet de priester, terwijl hij bidt, dat God het zóó welgevallig moge aannemen, gelijk vroeger de offers van Abel, Abraham en Melchisedech en zijn engel bevele, het te dragen op het altaar in den hemel.

in. Zijn de herhaalde kruisteekens, welke de priester over het H. Offer maakt, ock zegeningen?

Neen, want Gods Zoon behoeft geen zegeningen, maar zij

ocr page 28

— 24 —

dienen slechts om te herinneren, dat zich hier dezelfde Jesus offert, die zich aan het kruis heeft opgeofferd.

na. Wat is het memento voor de overledenen?

Een gebed voor de arme zielen in het vagevuur, opdat het H. Offer ook deze, vooral de bij namen genoemden, verkwikke en helpe. — Hier moet gij ook uw afgestorvene familieleden en vrienden gedenken.

113. Hoe begint het gebed voor de levenden?

Met de woorden: „ook ons zondaarsquot; (Nobis quoque pecca-toribus), waarbij de priester op zijn borst klopt.

114. Wat vraagt hij?

Hij bidt, dat God ons deel geve aan de zaligheid der Apostelen en Martelaren en derhalve onze zonden genadig vergeve.

115. Waarmede eindigt de kanon of het deel der wezensverandering ?

Met de kleine verheffing.

116. Wat is dat?

De priester maakt met de H. Hostie driemaal het kruistee-ken over de kelk en tweemaal over de corporaal en heft dan de H. Hostie met den kelk een weinig in de hoogte.

117. Wat zegt hij bij die handeling?

Hij zegt; „door Hem f, met Hem f, in Hem f, zij U God, den almachtigen Vader in eenheid des H. Geestes alle eer en heerlijkheid.

118. In hoeverre bezit God Zijne eer en heerlijkheid door Jesus Christus?

In zooverre, als Jesus 1. de zondige wereld door de stichting Zijner Kerk weder tot God, Zijn Vader, bekeerde, zoodat van af dien tijd God weder gekend en geëerd wordt, 2. doordat Jesus aan het kruis voldoening gaf aan Zijn Vader voor de zonden der geheele wereld.

ocr page 29

— 25 —

119. Waarom maakt de priester genoemde kruisteekens met de H. Hostie?

Wijl Jesus vooral door zijn kruisdood de eer des hemelschen Vaders herstelde.

120. Wat is de oorsprong der verheffing met kelk en hostie ?

Zij stamt uit vroeger tijden, toen de opheffing van Jesus

lichaam en bloed niet bij de consecratie geschiedde, maar bij dit gebed werden opgeheven en aan het volk getoond.

§ 4.

De H. Communie.

t 21. Welke stukken behooren tot het derde voornaamste deel der H. Mis?

De volgende acht:

1. Het Onze Vader.

2. Het breken der H. Hostie.

3. Het Agnus Dei.

4. Het gebed om vrede.

5. De naaste voorbereiding des priesters voor zijn H. Communie.

6. De Communie.

7. Het Communievers.

8. De na- of postcommunie.

122. Waarom wordt hier het Onze Vader gebeden?

De apostelen baden het reeds voor de communie en wel, zooals de H. Hieronymus verhaalt, op bevel des Heeren. Het is bovendien zeer passend als voorbereiding voor de H. Communie.

123. Waarom is het zoo passend?

ocr page 30

26

1. Wijl het ons herinnert, dat wij als kinderen van den hemelschen Vader tot dit gastmaal zijn uitgenoodigd en wij in heiligen eerbied voor dien Vader, vol ijver voor Zijn eer, geheel verzoend met Hein en onze broeders en zusters in het geloof, moeten aanzitten.

2. Omdat in de H. Communie de koning van Gods rijk tot ons komt en ons daarin het „Hemelbroodquot; en een bizon-dere kracht tegen de „bekoringenquot; geschonken worden, — al deze genaden vragen wij door het bidden van het Onze Vader.

124. Wat doet de priester, vóór dat hij de H. Hostie breekt?

Hij maakt met de pateen het kruisteeken, kust haar uit

eerbied, zooals men ook wel een kruis of medaille kust, en schuift ze daarna eerbiedig onder de H. Hostie.

125. Hoe geschiedt het breken der H. Hostie?

De priester breekt de H. Hostie boven den kelk in drie deelen legt de twee grootere deelen op de pateen en maakt met het kleinste deel driemaal het kruisteeken, terwijl hij zegt: „De vrede des Heeren zij altijd met ü,quot; en laat het daarna inden kelk vallen.

In de vroegste tijden brachten de geloovigen voor elke Mis brood en wijn mede en legden deze offers op het altaar. Vóór de communie werd een deel voor den priester, een deel voor de aanwezigen en een derde deel voor de armen afgezonderd.

126. Vanwaar stamt dit gebruik?

Van Christus zelf, die het brood brak op 't laatste Avondmaal, en te Emaus bij zijn leerlingen.

127. Welke beteekenis heeft deze verdeeling?

Zij herinnert ons aan Jesus dood, wiens lichaam en ziel ook gescheiden werden. „Dit is Mijn lichaam, dat voor u zal gebroken worden.quot; (hir. XI, 24)

ocr page 31

— 27 —

128. Waarom laat de priester een gedeelte van de H. Hostie in den kelk vallen?

Dat herinnert ons aan de opstanding van Christus; toen hereenigden zich ook Zijn; lichaam en bloed en het wijst er ons op, dat wij in de H. Communie geen dood lichaam en geen dood bloed, maar den levend verrezenen Jesus Christus ontvangen.

T29. Wat is het Agnus dei?

De priester buigt zich diep en zegt driemaal op de borst kloppend; „Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt.quot; (Joan. 1. 2.), voegt tweemaal daaraan toe: „Ontferm U onzer,quot; en na de derde maal: „Geef ons den vrede.quot; Bij zielemissen luiden de twee eerste toevoegsels: „Schenk hun de rust,quot; en de derde maal: „Schenk hun de eeuwige rust.quot; Het kloppen op de borst blijft dan ook achterwege.

130. Wat volgt op de Agnus dei?

Een gebed, waarin de priester in de hartelijkste bewoordingen om den vrede bidt.

131. Waarom bidt de priester zoo dringend om den vrede?

Wijl het tot een waardige communie volstrekt noodzakelijk is,

•dat men in vrede, d. i. verzoend met God en menschen tot 't Liefdemaal nadere.

132. Wat is de kus des vredes?

Op de dagen, dat er plechtige H. Missen werden opgedragen met assistentie van meerdere geestelijken, omarmden zij elkander ■met de woorden: „Pax tecum,quot; d. i. vrede zij u; bij zielemissen valt de Pax weg.

I33- Wat beteekent en vanwaar komt dit gebruik?

De kus is een teeken van vrede en vriendschap en vandaar •dat de eerste christenen na de H. Communie elkander kusten

ocr page 32

volgens den apostel, die zegt: „Groet elkander met heilig kussen. (Rom. i6. 16.)

134. Hoe bereidt zich de priester ten laatste voor tot het ontvangen der H. Communie?

Hij bidt eerst in stilte om vergiffenis van alle zonden en de genade om waardig te communiceeren.

Daarna belijdt hij, de H. Hostie in zijn hand nemend, driemaal zijn onwaardigheid, zeggende; „O Heer, ik ben niet waardig, dat Gij onder mijn dak (in mijn hart) komt enz. en volgt hierin den hoofdman van Kapharnaum. (Matt. 8. 8.)

135. Hoe moet gij deelnemen aan die Communie?

Wanneer ge niet werkelijk te communie gaat, moet ge het

ten minste geestelijker wijze doen.

136. Hoe geschiedt dat?

Als mei een groot verlangen heeft, om werkelijk te commu-niecee' f .1 en zich zóó voorbereidt en alles levendig voorstelt, alsof men inderdaad Jesus heilig vleesch en bloed ontvangt.

137. Wat volgt op de Communie?

Het Communievers, d. i. een vers uit de H. Schrift, welks zin zoowel op de Communie als op het feest heenwijst.

138. Wat is het laatste stuk in dit gedeelte der Mis?

De post- of nacommunie, d. i. een gebed, waardoor de priester Gods rijken zegen over de Communie afsmeekt.

§ 5.

139. Met welke woorden kondigt de priester aan, dat de Mis geeindigd is?

Met de woorden: „ite, missla est,quot; d. i. „Gaat, de Mis is geëindigd.quot;

140. Zegt hij dat na iedere Mis?

ocr page 33

— 29 —

Neen, op dagen van boete zegt hij, „Benedicatnus Domino,quot; omdat de geloovigen in vroegere tijden op die dagen in de Kerk bleven om tegenwoordig te zijn bij het Psalmgebed der geestelijken; — bij zielemissen zegt de priester: „zij rusten in vrede.quot;

141. Is hiermede de Mis werkelijk gesloten?

In de eerste tijden ja; later echter, toen het gebruik om in iedere Mis te communiceeren in verval geraakte, voegde men uit godsvrucht daaraan nog drie deelen toe.

142. Wat is het eerste deel?

Het is de bede tot de H. Drievuldigheid, dat dit offer Haar welgevallig zij en ons met God moge verzoenen.

143. Wat is het tweede deel?

Het is de zegen, dien de priester in den naam des Vaders en des Zoons en des H. Geestes over het volk uitspreekt.

144. Waarom geschiedt dat?

De priester, die zooeven Jesus heeft ontvangen, wil de geloovigen, alvorens hen te verlaten, zegenen, zooals Jesus de leerlingen zegende, vóórdat Hij ten hemel voer. — Bij zielemissen wordt de zegen niet gegeven.

145. Wat is eindelijk het slotdeel der Mis?

Het laatste evangelie of St. Jans-evangelie, d. i. het begin van het evangelie van Joannes 1, 1 — 14. — Valt er op Zondag een feest, dan wordt het evangelie uit de Zondagsmis gelezen.

146. Wat is de inhoud daarvan?

Het verkondigt de oneindige liefde, welke Gods Zoon toonde, door voor ons mensch te worden en voor onze zonden te voldoen en het kindsscbap Gods mede te deelen.

147. Waarom wordt het bij 't einde der H. Mis gebeden?

Omdat Jesus ons in de H. Mis dezelfde liefde bewijst, want

ocr page 34

— 3° —

onder de consecratie daalt Hij ook onder ons neder, voldoet daardoor voor onze zonden, blijft bij ons onder broodsgedaante en schenkt hun, die Hem waardig ontvangen het kindsschap Gods.

148. Bij welke woorden van het evangelie maken priester en volk een kniebuiging?

Bij de woorden: „Et verbum caro factum est,quot; d. i. „en het Woord is vleesch geworden.quot;

149. Welken zin hebben- deze woorden?

Onder het „Woordquot; is het woord des Vaders, d. i. de Zoon Gods te verstaan; deze is „Vleeschquot; geworden, Hij nam een menschelijk lichaam (en ziel) aan en werd mensch.

150. Wat zegt de misdienaar bij het slot des Evangelie's?

Deo Gratias, d. i. God zij dank.

yWEEDE WIJZE VAN VERKLARING.

Wanneer gij u ter Misse begeeft, zet dan alle wereldsche gedachten en zorgen op zij en richt uwe ziel ten hemel. Wat zou er in uw hart zijn omgegaan, wanneer het u gegeven ware Jezus in de kribbe te Bethlehem te bezoeken. Even ernstig en vroom moet gij zijn op weg om de H. Mis bij te wonen. Beier nog is het, te denken: ik wil thans den Calvarieberg beklimmen en met Maria, Joannes en Magdelena onder het kruis staan. Die voorstelling is geen ijdele verbeelding. Jesus offerde zich immers op Golgotha voor ons menschen aan Zijn Vader

ocr page 35

— 3i

op en dat doet Hij ook op 't altaar onder da H. Mis. Hoe betamelijk is het dan hier te verschijnen en te verwijlen met ware godsvrucht, bezield met innig geloof en liefde. Maar dan zal uw godsvrucht ook rijkelijk beloond worden en uw deel in de verdiensten van Jesus zoendood groot zijn.

Almachtige, barmhartige God, zend uwen H. Geest in mijn hart en leer mij bidden. Help mij, opdat al het overige vergeten worde en ik met gepaste aandacht de H. Mis bijwone. Ik wil er bij tegenwoordig zijn om U de schuldige eer te bewijzen en U te danken voor alle weldaden naar ziel en lichaam. Ik heb de meening door dit allerheiligst offer Uwen toorn te doen bedaren en de groote schuld te voldoen, welke wij door onze vele zonden bij U gercaakt hebben. Ontferm U, o God, om Jesus, Uws Zoons wille. Open Uwe weldadige hand en schenk mij en allen, voor wien ik verplicht ben te bidden, een deel Tan Uwe gaven, gunsten en genaden. Amen.

Gebeden aan den voet des Altaars.

Adam en Eva zondigden door ongehoorzaamheid, zooals bekend is, en hebben daardoor zonden en ellende over de wereld en alle menschen gebracht. Ook de priester is een zondig mensch en daarom begeeft hij zich, na even op 't altaar te zijn geweest, naar beneden en staat daar, bewust van zijne onwaardigheid, om het H. Offer op te dragen. Dan verricht hij met den misdienaar een gebed, smeekt om hulp en belijdt zijne zonden, waarbij hij ten teeken van ootmoed en berouw zich diep buigt en op zijne borst slaat.

Denk hier aan de uitspraak des H. Geestes: „ God weerstaat den hoovaardigsn, den ootmoedigen geeft Hij Zijne genaden.quot; Herinner u derhalve uwe vele zonden en verwek hartelijk be-

ocr page 36

rouw daarover. Adam en Eva ontvingen door oprecht berouw ook vergiffenis hunner zonden.

Heilige, rechtvaardige GodI Ik ben niet waardig voor Uw aangezicht te verschijnen. Dikwijls heb ik gedaan, wat Gij verboden hebt en ben traag geweest in het volbrengen van hetgeen Gij geboden hadt. Ik beken voor U, voor alle engelen en heiligen, dat ik een zondig mensch ben en zeer heb gezondigd in gedachten, woorden en werken, door mijne schuld, mijne allergrootste schuld! Doch ik gevoel diep berouw daarover, lieve Vader, en het doet mij innig leed, dat ik U daardoor zoozeer vergramd heb. Vergiffenis, o God, goede en barmhartige Vader!

Begin der Mrs.

Vertrouwende op de barmhartigheid Gods en de voorbede der engelen en heiligen treedt de priester op 't altaar en kust het. Daarna plaatst hij zich voor het misboek, tee'^ent zich met het teeken des kruises en spreekt een gebed, hetwelk „Introitusquot; of „Ingangquot; genoemd wordt.

God ontfermde zich over de ellende der menschen en gaf ons Zijn Zoon Jesus Christus als Verlosser. Ja, de eenig geboren Zoon Gods, ontvangen en geboren uit de H. Maagd Maria, is waarachtig mensch geworden, heeft onder ons gewoond en is voor ons gestorven. Door Hem is de toegang tot Gods genaden en de ingang tot den hemel weder geopend, redenen te over om Hem voor deze overgroote liefde dank te zeggen.

Wees dan geprezen, o Heer, Uwe Naam worde geloofd over de geheele wereld van dag tot dag, van eeuw tot eeuw. Gij

ocr page 37

hebt nedergezien op onze ellende en ons, onwaardigen, barmhartigheid bewezen. Onze eenige hoop is op U gevestigd en ons hart is vervuld met dankbare liefde voor U.

Eere zij den Vader en den Zoon en den H. Geest, gelijk het was in den beginne en nu en altijd tot in eeuwigheid. Amen.

Kyrie eleison en Gloria.

De priester gaat in het midden des altaars en bidt daar met den misdienaar het Kyrie eleison, d. i. het gebed: „Heer, ontferm U onzer.''' Deze bede wordt negen maal herhaald; drie maal tot God den Vader, drie maal tot God den Zoon en drie maal tot God den H. Geest. Daarna zegt of zingt de priester: Gloria in excelsis Deo, d. i.: Ecre zij God in tien hooge.

Alle menschen, zonder onderscheid, zijn arme bedelaars en God alleen, onze oneindig rijke en liefdevolle Vader, is in staat in onze behoeften te voorzien. Daarom smeeken wij Hem om hulp en herhalen met aandrang negen maal onze smeekbede om voorziening in onze armoede en nood. Die bede gaat gepaard met een vast vertrouwen; want te Bethlehem is ons een Verlosser en Redder geboren. Inderdaad, Jesus Christus, Gods Zoon, heeft zich onze zaak aangetrokken; Hij zal voorzien in onze ellende en daarom zingen wij opgetogen van vreugde den lofzang door de engelen in dien vreugdenacht gezongen. Eere zij God in den hooge en vrede den menschen op aarde van goeden wille. Wij loven U, wij prijzen U, wij aanbidden U, wij verheerlijken U. Wij danken U om Uwe groote heerlijkheid, o Hemelkoning, almachtigen God en Vader.

Liefdevolle Heer, Jesus Christus, eeniggeboren Zoon Gods,

ocr page 38

ontferm U onzer 1 Gij zijt het Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt. Aanvaart onze ootmoedige bede, want Gij alleen kunt ze verhooren. Amen.

Dominds vobiscum en kollekte.

De priester wendt zich tót het volk, strekt de armen uit en zegt: „Dominus vobiscum;quot; d. i. „De Heer zij met U,quot; waarop de misdienaar antwoordt: „Et cum spiritu iuo,quot; d. i. „En met uwen geest.quot; Daarna gaat de priester naar de Epistelzijde en spreekt met uitgestrekte armen een of meer gebeden. Dit gebed wordt „kollektequot; d. i, kerkgebed of vereenigd gebed genoemd, omdat hij bidt voor de geheele .kerk en alle belangen der chislenen gezamenlijk, in Jesus Naam, God aanbiedt.

Denk aan Jesus Christus, als de priester met uitgestrekte armen het Dominus vobiscum uitspreekt; want vol liefde strekt ook Hij Zijne armen tot de noodlijdenden uit, om ze te troosten en te helpen in allen nood. Ja, voortdurend stroomt die liefdebron ter wille van Jesus verdiensten.

Wij bidden U, o Heer, voorkom onze handelingen met Uwe genade en vergezel ze met Uwen bijstand, opdat al onze werken en handelingen met U beginnen en door U begonnen, ook door U voltrokken worden. Door onzen Heer Jesus Christus, Uwen Zoon, die met U leeft en regeert in de eenheid des H. Geestes van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

Epistel.

Na het kerkgebed leest de priester een stuk uit de H. Schrift,

ocr page 39

hetwelk „Efisielquot; d. i. brief wordt genoemd, wijl het meesttijds een plaats is uit de brieven der Apostelen. Somtijds wordt er ook wel een stuk gelezen uit het Oud Testament, d i. uit de openbaring, die God door Mozes en de profeten heeft gedaan. Voor die kostbare onderrichtingen zijn wij God grooten dank verschuldigd. Vandaar zegt de misdienaar bij het einde; ,,Deo gratias,quot; d. i. God zij dank !

Gij ook moet God danken; want die hemelsche leeringen, welke God ons door die heilige mannen schonk, worden U bij het godsdienstig onderricht ook verkondigd.

Wat zijt Gij toch liefdevol en barmhartig, oneindig groote God ! Niet alleen draagt Gij zorg voor ons lichaam, maar ook voor onze ziel. Door ons Uwen heiligen wil bekend te maken, toont Gij ons tevens den weg naar het eeuwig leven.

Eeuwige dank, beste der Vaders, voor uwe heilzame vermaningen en onderrichtingen. Mijn voornemen staat dan ook vast, zóó te leven, als Gij verlangt en daartoe vraag ik Uwe genade. Geef, dat ik alles bemin, wat Gij gebiedt, en verafschuw, wat Gij verbiedt. Amen.

Evangelie.

De Epistel wordt gevolgd door eenige kleine gebeden, waarna het misboek naar de andere zijde van 't altaar wordt gedragen. Hier leest de priester een stuk uit een der vier Evangeliën van den H. Mattheus, Markus, Lucas of Joannes, waarin zij ons zooveel merkwaardige en noodzakelijk te weten waarheden uit het leven van Jesus verhalen. Daarom wordt dit gedeelte der H. Mis ook het Evangelie genoemd, d. i. blijde boodschap.

Bij de lezing des Evangelies staan de geloovigen op en teekenen voorhoofd, mond en borst met het teeken des kruises

ocr page 40

— 36 —

en smeelcen daardoor God, hun de genade te schenken Jesus woorden te verstaan, te belijden en in 't hart te bewaren. De priester kust aan het einde het boek, zeggende: dat door het gelezen Evangelie onze misstappen worden uitgewischt. Daarna antwoordt de dienaar: „Lcms iibi Chris te,quot; d. i. „Lof zij ü, Christus.quot;

Gelukkig gij, die het voorrecht bezit, de goddelijke woorden des Evangelies te hooren. Geen punt van alles, wat Jesus heeft geleerd, is verloren gegaan. De Kerk bewaart en verkondigt dat alles met moederlijke zorg. Denk hier vooral aan de schoone bergpredicatie van Jesus.

In dien tijd sprak Jesus: „Zalig de armen van geest, want hun is het hemelrijk. Zalig zijn de zachtmoedigen, want zij zullen het aardrijk bezitten. Zalig die treuren, want zij zullen vertroost wo'den. Zalig zij, die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid, want zij zullen verzadigd worden. Zalig de barm-hartigen, want zij zullen barmhartigheid verwerven. Zalig de zuiveren van harte, want zij zullen God zien. Zalig de vreed-zamen, want zij zullen kinderen Gods genoemd worden. Zalig die vervolging lijden om de gerechtigheid, want hun is het hemelrijk. Zalig zijt gij, wanneer u de menschen lasteren en vervolgen en alle kwaad met onwaarheid tegen u spreken, om Zijnentwille. Verheugt en verblijdt u, want uw loon is groot in den hemel.quot;

Credo.

Op alle zon- en feestdagen en nog op eenige andere wordt de j.Credo gebeden. Dit gebed — ik geloof — wordt aldus genoemd, omdat het in 't kort alles bevat, wat God geopenbaard heeft en wij als Zijn woord moeten gelooven en voor

ocr page 41

waar houden. Vandaar dat gij ook met den priesler de apostolische geloofsbelijdenis moet bidden en zeggen:

Ik geloof in God, den almachtigen Schepper van hemel en aarde. En in Jesus Christus zijn eenigan Zoen, onzen Heer; die ontvangen is van den H. Geest, geboren uit de H. Maagd Maria, die geleden heeft onder Pontius Pilatus, gekruisd, gestorven en begraven; Hij is opgeklommen ten hemel, zit ter rechterhand van God, den almachtigen Vader; vandaar zal Hij wederkomen om te oordeelen de levenden en de dooden. Ik geloof in God, den H. Geest, eene heilige, katholieke Kerk, gemeenschap der heiligen, vergiffenis der zonden, verrijzenis des vleesches en een eeuwig leven. Amen.

De Opoffering van brood en wijn.

Na het Evangelie, of de Credo, begint de Opoffering, d. i. het eerste voorname deel der Mis. Alvorens daartoe over te gaan richt de priester zich tot het volk en zegt: Dominus vobiscum, d. i. de Heer Zij met u, opdat gij het offer van Jesus Christus met passenden aandacht en godsvrucht moogt bijwonen.

Jesus Christus immers heeft niet alleen de menschheid aangenomen om onzen Trooster, Voorspreker en Leeraar te zijn, maar Hij heeft zich ook iwor ons opgeofferd, en zijn lichaam en Zijn bloed tegelijk met Zijne ziel voor ons gegeven, opdat wij vergiffenis der zonden, genade en het eeuwig leven zouden verkrijgen. Dat deed Hij vooral op den veertigsten dag Zijner geboorte, toen Hij door Zijne Moeder in den tempel aan Zijn Vader werd opgedragen. Toen reeds was Hij bereid zich te laten dooden, zooals de geofferde duiven, en bloedig te sterven, gelijk de onschuldige kinderen te Bethlehem gestorven zijn. Maar de tijd, door God bepaald, was nog niet gekomen en

ocr page 42

_ 38 -

eindelijk aangebroken, stierf Jesus aan 't kruis en bracht het offer onzer verlossing in Zijn bloed.

Dat offer van Jesus Christus wordt op 't altaar van af de opoffering voorgesteld en hernieuwd. Wat voorafgegaan is, heet de voörmis; nu begint het eigenlijke offer. Thans worden de voorwerpen ontdekt, benoodigd voor het ofteren, namelijk de pateen, d. i. een zilveren bordje en de kelk en de priester offert op de pateen brood en in den kelk wijn onder zegeningen en gebeden aan God. Het brood stelt Jesus lichaam voor en de wijn Zijn bloed, terwijl de zegeningen en gebeden ons moeten herinneren aan den H. Geest, die in al Zijne volheid over den Verlosser was uitgestort. Meen echter niet, dat dit offer van brood en wijn het ware offer van Jesus is. Eerst bij de wezensverandering wordt het volmaakt vertegenwoordigd, want alsdan wordt het brood in Jesus lichaam en de wijn in Zijn bloed veranderd.

Toen de lieve Jesus zich zeiven met lichaam en ziel in den tempel aanZijn Hemelschen Vader opofferde, offerden Maria en Jozef zich zei ven en ook hun kind aan God in den hemel op. Volg hun voorbeeld en biedt God het offer van Zijn Zoon aan, in quot;Wien Hij Zijn welbehagen heeft, en vergeet niet u zei ven op te offeren met lichaam en ziel. Ja, geef God weder, wat ge van Hem hebt ontvangen en beloof trouw te waken, opdat uw offer zuiver blijve.

Heilige Vader in den hemel, almachtige, eeuwige God, neem de gaven van brood en wijn genadig aan, welke wij U door de handen des priesters aanbieden tot gedachtenis aan het offer, hetwelk Jesus Christus, Uw Zoon, heeft opgedragen.

Ik bied U dit offer aan voor mijne tallooze zonden, overtredingen en nalatigheden, en dit niet alleen voor mij, maar ook voor alle levenden, en afgestorvenen, die in Jesus Christus

ocr page 43

— 39 —

gelooven. Geef, o Heer, dat het mij en hun ten heil en eeuwig leven verstrekke. Amen.

O, ik arme, zondige mensch, wat zal ik tot het offer bijdragen, dat thans op het altaar voltrokken wordt? Ik smeek U, o Heer, in ootmoed en rouw des harten, neem mijn lichaam en ziel als offer aan. Alles, wat ik ben en bezit, zij U als offer gewijd. Uwe genade zij mij als borgtocht, dat ik mijne belofte zal houden. Gij, die brood en wijn zegent en ze in het lichaam en bloed van Jesus Christus verandert, strek ook Uwe zegenende hand uit over mijn ziel en lichaam en maak ze geschikt om in alles en altijd U welgevallig te zijn. Amen.

Lavabo.

De priester laat zich water over de vingers gieten, waarmede hij weldra het H. Sacrament zal aanraken. Inmiddels zegt hij een gebed, dat begint: Lavabo, d. i. Ik wil wasschen, enz.

Het wasschen der handen herinnert ons tevens, dat wij onze zielen moeten zuiveren van zonden, willen wij verhoord worden, want God had geen behagen in Kaïns offer, omdat zijn hart met nijd en toorn vervuld was.

Wasch mijne ziel, o Heer! rein van alle ongerechtigheden en laat niet toe, dat ik te gronde ga met de goddeloozen. Ik wil tot hen behooren, die in onschuld voor Uw aanschijn wandelen. Ontferm U mijner en neem mijne schuld weg. Eere zij den Vader en den Zoon en den H. Geest, gelijk het was in den beginne, nu en altijd van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

Orate fratres en stil gered.

Na de Lavabo gaat de priester weder naar het midden des

ocr page 44

— 4° —

altaars en bidt andermaal, dat God het offer genadig aanneme. Daarna wendt hij zich tot het volk en zegt: O rate fratres, d. i. bidt broeders 1 Hiermede geeft hij te kennen, dat alle aanwezigen God moeten smeeken, om het offer bereidwillig te willen aannemen. Vervolgens wordt het laatste tot de offerande behoorende gebed gebeden, dat Sekreten, stil gebed genoemd wordt.

Uitgenoodigd door den priester, moet gij thans het offer van uw hart op 't altaar leggen. Ten tijde, dat Jesus in de werkplaats van Zijn Voedstervader, den H. Jozef, hout verwerkte, kwam Hem dikwijls het kruis voor den geest, waaraan Hij zoo bitter zou lijden en sterven. Doch Hij besloot Zijn wil in den wil Zijns Vaders en dacht in Zijn hart: „Vader, Ik ben bereid!quot; Ook Maria en Jozef hebben dag voor dag in hunne harten 't offer der berusting in Gods aanbiddelijken wil opgedragen en zoudt gij weigeren de wijze raadsbesluiten van uwen Vader te eerbiedigen? Dat zij verre!

Heer! ik smeek het U, neem het offer uit de handen des priesters aan, tot lof en eere van Uwen naam, tot welzijn van ons allen en tot welvaart der gansche heilige Kerk. Amen.

Door U, hemelschen Vader, wordt alles met wijsheid en liefde geordend en bepaald ten beste voor ons menschen. Aan Uwe handen beveel ik mijn leven, doe er mede naar Uw welbehagen. Uw wil geschiede nu en altijd en overal. Door onzen Heer Jesus Christus, Uwen Zoon, die met U leeft en regeert in eenheid des H, Geestes van eeuwigheid tct eeuwigheid. Amen.

Peaefatie en Sanctus.

Bij de opoffering in den tempel loofde Simeon Gods goedheid en barmhartigheid, omdat het hem gegeven werd dea

ocr page 45

— 41 —

Verlosser te aanschouwen en tegelijkertijd voorzegde hij Maria, dat een zwaard hare ziel zou doorboren. Die voorzegging is zevenvoudig bewaarheid geworden. Toen de tijd was aangebroken, waarop Jesus den bloedigen dood wilde sterven, hield Hij eerst Zijnen feestelijken triumftocht binnen Jerusalems muren, waarbij het aan jubelkreten en lof des volks niet ontbrak.

Bij de H. Mis komt Jesus ook tot ons en wel met hetzelfde inzicht, om Zich Zeiven voor ons op te offeren. Nog slechts weinige oogenblikken en Zijn heilig vleesch en bloed zullen op 't altaar tegenwoordig zijn. Opgetogen van vreugde hierover verheffen wij ons in den geest, snellen den Verlosser te gemoet, om Hem ook een feestelijken intocht te bereiden. Daarom verricht de priester thans luid biddend of zingend een danken lofgebed, dat Praefatie, d. i. voorrede of voorbereiding genoemd wordt, wijl het de wezensverandering vooafgaat en daarop voorbereidt. Bij het slot zegt de priester het engelenlied, beginnende met het woord „Sanctus,quot; d. i. heilig, terwijl de dienaar een teeken met de bel geeft, dat weldra het tweede en voornaamste deel der Mis is aangebroken.

O, hoeveel dank zijn wij God schuldig voor al Zijne weldaden, maar vooral dat Hij ons door den dood Zijns Zoons verlost heeft van zonden en straffen. Verhef dan uw hart en neem ijverig deel in het voldoen van de schuld der dankbaarheid. Denk aan de kinderen, die op Palmzondag uit volle borst Jesus tegemoet jubelden; „Gezegend Hij, die komt in den naam des Heer en!quot;

Het is in waarheid waardig en recht, billijk en heilzaam, dat wij U altijd en overal dank zeggen, o Heer! heilige Vader, almachtige en eeuwige God! Van af het hout van den verboden boom is de dood tot ons menschen gekomen; Gij echter

ocr page 46

— 42 —

besloot aan het hout des kruises ons het leven weder te geven, door Jesus Christus, onzen Heer. Vandaar loven en prijzen wij Uwe goddelijke barmhartigheid en heerlijkheid en jubelen met de engelen:

Heilig, heilig, heilig zijt Gij, God der heerscharen. Hemel en aarde zijn vol van Uwe heerlijkheid, lof zij God in den hooge! Gezegend Hij, die daar komt in den naam des Hee-renl Lof zij God in den hooge!

De Canon. De Gedachtenis der levenden.

Op den laatsten avond van Jesus leven op aarde, na afloop van 't Avondmaal, bad Hij met Zijne Apostelen een lofgezang en ging daarna naar den Olijfberg om Zijn bloedig verlossingswerk te beginnen. Menigwerf had Hij in zijn hart Zijn Vader lichaam en ziel als offer aangeboden, thans zal Hij het inwendige offer uitwendig voltrekken. Gemoedelijk en zonder tegenspraak laat Hij Zich binden, mishandelen en ter dood ver-oordeelen. Als een lam, dat zonder blaten ter slachtbank geleid wordt, sterft de Zoon G0ds voor ons aan het kruis. O groote, onuitsprekelijke • liefde ! Zeker betaamt het de gedachtenis van dat wonder der liefde in stille aandacht te overwegen. Vandaar ook de stilte op 't altaar; de Canon begint.

Christus Jesus is voor alle menschen gestorven en voor allen wordt daarom het H. Misoffer cok opgedragen. Op dit oogenblik bidt de priester dan ook voor den Paus, den Bisschop en voor alle levende menschen, die in zijne gebeden zijn aanbevolen, enz.

Uwe aandacht en godsvrucht moeten nu ook inniger en vuriger worden. De bronwel der genade opent zich voor u.

ocr page 47

— 43 —

diep, ruim en vol gelijk de zee. Schep daaruit voor u en anderen, die u dierbaar zijn.

Goede Vader in den hemel! Vol ootmoed buigen wij onze knieen voor U en smeeken, wees ons zondaars genadig om de verdiensten van Uwen Zoon en onzen Verlosser, Jesus Christus. Onder bloedig zweeten nam Hij onze zonden op zich en liet Zich geesekn, met doornen kronen en-tot den dood des kruizes veroordeelen.

Opnieuw offeren wij U, o Heer, dat bitter lijden ;en sterven. Neem ons offer welgevallig aan en bezegel het met Uwen zegen. Wij dragen aan U op den Paus, onzen Bisschop, de burgerlijke overheid en alle belijders van het ware geloof.

Insgelijks beveel ik vooral aan Uwe genade, mijne ouders, zielzorgers en leeraars, alle leden mijner familie, weldoeners en allen, die tegenwoordig zijn. Bescherm onze zielen tegen alle kwaad, beschut onze lichamen in het gevaar en geleid ons allen tot de eeuwige zaligheid.

Tegelijk met het offer Uws Zoons offeren wij U alle goede werken, welke de H. Maagd Maria, de H. Jozef, de heilige Apostelen en Martelaren verricht hebben. Verleen ons door hunne voorbeden en verdiensten, dat wij in al ons doen en laten Uwe hulp en bescherming erlangen. Door denzelfden Christus onzen Heer. Amen.

Consecratie op Wezensverandering.

Dit gedeelte der H. Mis is het gewichtigste en heiligste. Het brood en de wijn, bij de opoffering op :t altaar gelegd, worden door de kracht van den almachtigen God veranderd; het brood wordt veranderd in het lichaam van Jesus Christus en de wijn in het hlocd van Jesus Christus. Van brood cn wijn blijven

ocr page 48

— 44 —

slechtd de gedaante over. Thans komt op 't altaar hetzelfde lichaam tegenwoordig, dat aan het kruis genageld en daaraan is opgeheven, hetzelfde bloed komt tegenwoordig, dat aan het kruis vergoten werd tot vergiffenis der zonden. Dat dit bloed kostbaar en heilzaam is, zien wij duidelijk aan den goeden moordenaar.

Vraag hier dringend, dat het God believe ook U te herscheppen en uwe kwade hartstochten te dooden en een vurigen christen van u te maken. En wanneer de priester het heilig Lichaam en Bloed in de hoogte heft, sla dan rouwmoedig op uwe borst en beken schuld, want ter wille uwer zonden is de Zoon Gods gekruisigd. Zeg daarom oprecht gemeend:

Wees gegroet, allerheiligst Lichaam van Jesus Christus, Gij, die U voor mij aan 't kruis hebt opgeofferd! Ik aanbid U in diepen ootmoed! O Jesus, ik leef voor U! O Jesus, ik sterf voor U! O Jesus, ik ben de Uwe in dood en leven. Amen!

Wees gegroet, o kostbaar Bloed van U, mijn Jesus, dat Gij voor mij aan het kruis vergoten hebt! Ik aanbid U in den diepsten eerbied! O Jesus, wees mij genadig! O Jesus, wees mij barmhartig! O Jesus, vergeef mij alle zonden !

jSTa de Wezensverandering.

Na de Consecratie bidt de priester met uitgestrekte armen als herinnering aan Jesus, die uitgestrekt op 't kruis voor ons heeft gebeden. Daarna buigt Hij diep over 't altaar, want bet betaamt, dat wij zondige en ellendige menschen met een oot-moedigen en nederigen geest voor God verschijnen. Vervolgens maakt hij meermalen het kruisteeken over de heilige Hostie en over het heilig Bloed, als ook over zich zeiven. Hierdoor wordt aangeduid, dat hetzelfde offer op het altaar

ocr page 49

— 45 —

wordt opgedragen, hetwelk Jesus Christus aan het kruishout Zijn hemelschen Vader opdroeg. Doch op het altaar stort Jesus geen bloed, Hij lijdt daar geen duldelooze smarten, Hij sterft niet meer. Vandaar zegt men ook; in de H. Mis wordt het kruisoffer op een onbloedige wijze hernieuwd.

Besteed deze kostbare oogenblikken op gepaste wijze en bid zoo innig en hartelijk als doenlijk is. Jesus ligt immers op het altaar niet slechts gebonden zooals Izaak, maar werkelijk geslachtofterd. O, wat heilig, welk een krachtig offer !

Met welgevallen hebt Gij, o God, het offer van onzen vader Abraham aangenomen. Gehoorzaam aan Uw bevel, was hij bereid zijn eenigen zoon te slachtofferen. Maar zie, wij offeren U een veal kostbaarder offer, — het lichaam en bloed van Uwen eeniggeboren Zoon, die gehoorzaam werd tot den dood des kruizes.

Gedenk, o barmhartige Vader! den grooten smaad, die Uw Zoon voor ons verdragen heeft; gedenk de ontelbare wonden, die Hij zich voor ons liet slaan; gedenk den brandenden dorst, die Hij geleden, de verlatenheid, waarin Hij aan het kruis gehangen, den bitteren schanddood, weike Hij aan het kruis gewillig ondergaan heeft. Wij smeeken U, ter wille Zijner smarten en Zijner gehoorzaamheid, zie met genadigen blik op ons neder. Vergeef ons de zonden, heilig onze zielen door Uwe genade en vervul ons met Uwen hemelschen zegen.

GTEDACHÏENIS DER OVERLEDENEN.

Nauwelijks was Jesus gestorven, of Zijne schoone Ziel daalde neder in het voorgeborchte der hel, ook wel Abraham's schoot genoemd, om de daar vertoevende heilige zielen de vruchten van Zijn kruisoffer rnede te deelen. De priester doet nu ook

ocr page 50

— 46 —

iets, dat daarop betrekking heeft. Met gevouwen handen staat hij eenige oogenblikken stil in het midden des altaars en bidt voor de zielen der afgestorvenen, die hij in 't bizonder wil gedenken.

Volg dit voorbeeld en ontferm U over de zielen in het vagevuur, vooral over hen, waarmede gij verbonden zijt door familie- of vriendschapsbanden.

Wij smeeken U ook, o Heer, voor de zielen, die in Uwe liefde zijn gestorven en nog iets te boeten hebben. In 't bizonder roep ik Uwe barmhartigheid in over de zielen N. N. (üenk hier degenen, voor wien gij vooral wilt bidden.) Het lichaam Uws Zoons bieden wij U aan als losprijs voor hunne schuld. Verzacht hunne pijnen, verkort den tijd hunner straf en voer ze uit de vreeselijke gevangenis des vagevuurs naar het oord van eeuwig licht en vrede. Door denzelfden Jesus Christus onzen Heer. Amen.

Pater noster. — Het Onze Vader.

Thans nadert het derde voorname deel der H. Mis, nl. de Communie of de nuttiging. Als voorbereiding bidt de priester met luide stem — of zingt — de Pater noster.

Van den boom des kruises stammen de edelste en kostbaarste vruchten. De liefde en barmhartigheid van Onzen Verlosser is de zon, waardoor zij tot rijpheid zijn gekomen. Gestorven, verrezen en ten hemel gevaren, zit Jesus thans vol heerlijkheid aan de rechterhand des Vaders als onze eeuwige Middelaar en Voorspreker. Ja, de dood is overwonnen, de hemel is geopend, de hemelsche Vader ziet genadig op de wereld sn ons menschen neder en de H. Geest stort Zijne zevenvoudige genaden ruimschoots over ons uit. Inderdaad, wij zijn weer

ocr page 51

— 47 —

kinderen Gods en roepen: gt;Abba Vader!quot; wij eten en drinken weer aan Zijnen disch. Halleluja!

Verhef dan vreugdevol uw hart tot God, bid met groot vertrouwen: Almachtige, eeuwige God! door Uwen Zoon hebt Gij ons geleerd, hoe wij moeten bidden. Vol vertrouwen op Zijn verdiensten wagen wij het te zeggen:

Onze Vader, die in den hemel zijt. Geheiligd zij Uw Naam, Laat ons toekomen Uw rijk. Uw wil geschiede op aarde als in den hemel. Geef ons heden ons dagelijksch brood. Vergeef ons onze schulden, gelijk wij vergeven onze schuldenaren. En leid ons niet in bekoring, maar verlos ons van den kwade. Amen.

Vergeef ons Heer! wij smeeken het U, alle verledene, tegenwoordige en toekomende fouten en misstappen. Schenk de wereld kalmte en vrede op de voorbede der allerzaligste Maagd Maria, van den H. Jozef, de zalige Apostelen Petrus en Paulus, Andreas en alle heiligen. Verleen ons door Uwe barmhartigheid, dat wij immer van zonden vrij en tegen elke dwaling beschermd mogen zijn. Door denzelfden Jesus Christus, Uwen Zoon onzen Heer, die met U leeft en regeert in eenheid des H. Geestes, God van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

Agnus Dei.

Na den Pater noster breekt de priester de H. Hostie in drie deelen en laat een klein gedeelte in den kelk zinken en bidt, alvorens tot de nuttiging over te gaan, dat deze communie hem en alle geloovigen tot heil moge verstrekken. Vandaar zegt hij driemaal een kort gebed, beginnende met de woorden: Agnus Dei, d. i. Lam Gods, waarbij hij telkens op zijne borst slaat en nog eenige andere gebeden ter voorbereiding.

ocr page 52

- 48 -

Onder de woorden: ,,Lam Godsquot; is Jesus Christus te verstaan, op het altaar op geheimzinnige wijze tegenwoordig.

Als een lam heeft Hij zich laten slachten en offeren voor de zonden der wereld. Door Zijn dood heeft Hij den toorn Zijns Vaders bevredigd en op de wereld vrede gebracht, een vrede veel kostbaarder dan aan Noë werd beloofd. — Bid en smeek om aandeel in dien Chnstusvrede.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U onzer! Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U onzer! Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U onzer en schenk ons den vrede!

Heer Jesus Christus, Zoon van den levenden God, gewillig en zwijgend als een lam, dat ter slachtbank geleid wordt, zijt Gij in den dood gegaan. Gij hebt Uw lichaam en Uw bloed gegeven. Gij zijt gestorven, opdat de wereld het leven zoude terug ontvangen. Neem door dit. Uw heiligst Lichaam en Bloed, alle ongerechtigheden van mij weg en bewaar mij voor alles, wat kwaad en zondig is. Geef, dat ik altijd, volgens Uwe geboden leve en laat niet toe, dat ik ooit van U gescheiden worde. Gij, die met den Vader en den H. Geest leeft en regeert, God van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

Communie of Nuttiging.

Hoe groot is de liefde van onzen dierbaren Verlosser! Niet slechts heeft Hij lichaam en bloed voor ons opgeofferd, maar Hij wil ook, dat wij onze zielen daarmede zullen voeden. Gehoorzaam aan Zijn voorschrift nuttigt de priester thans het allerheiligst Lichaam en Bloed van Christus. Deze nuttiging wordt Communie, d. i. gemeenschap of vereeniging genoemd, omdat we daardoor met Christus vereenigd, als het ware ver-

ocr page 53

— 49 —

eenzelvigd worden, eene genade zoo groot, dat de mensch ze niet waardig is. Daarom slaat de priester dan ook driemaal op zijn borst en zegt: „O Heer, ik ben niet waardig,quot; enz. Het teeken met de bel gegeven roept de aanwezigen hetzelfde te doen en ootmoedig den priester na te spreken.

Verricht daarna de geestelijke Communie, d. i. verwek een oprecht verlangen naar Jesus in 't heilig altaarsacrament (als ge metterdaad niet communfceert;) want de heilige Communie is de bron der heiligheid, waaruit de martelaars hunne kracht en de heilige maagden hunne zuiverheid hebben geput.

O Heer, ik ben niet waardig, dat Gij onder mijn dak komt, maar spreek slechts één woord en mijne ziel zal gezond worden.

O Jesus! ik geloof, dat Gij in het allerheiligst sacrament tegenwoordig zijt en aanbid IJ. Ik bemin U uit geheel mijn hart en uit liefde tot U berouwen mij al mijne zonden. Mijne ziel verlangt naar LT, want Gij zijt het brood des levens. O, kom tot mij, lieve Jesus! Kom bij mij met Uwe genade en blijf bij mij al mijn levensdagen. Met U wil ik leven en sterven. Amen.

ril

Na de Communie.

Wanneer de priester gecommuniceerd heeft, giet de misdienaar wijn in den kelk en daarna wijn en water over de vingers des priesters, waarmede nij het allerheiligste Sacrament heeft aangeraakt. Dit water en dezen wijn drinkt de priester, om zoo de onteering van het lichaam en bloed des Heeren te voorkomen. Daarna dekt de priester de kelk en treedt voor het misboek, leest een korte spreuk uit de H. Schrift en roept tot het volk: „Dominus vobiscum, d. i. de Heer zij met U, en bidt één .oLmeer gebeden tot dankzegging

4-

ocr page 54

— 5° —

In de heilige Communie toont zich de Verlosser als den goeden Herder, die Zijne schapen op 't innigst bemint en allerliefelijkst verzorgt, en wij zouden Hem niet danken ?

Laat ons den Heer des hemels loven voor alle menschan en heiligen, want Hij heeft ons barmhartigheid bewezen.

Ja, lieve Jesusl Gij zijt waarachtig de goede Herder, die Zijne schapen tot den dood bemint. Gij geeft Uw leven voor hen en verzorgt ze op wonderbare, liefdevolle wijze. Met Uw vleesch hebt Gij ze gevoed, met Uw bloed gedrenkt. Wij danken U voor Uwe groote liefde en smeeken U, ons altijd, bizonder in ons doodsuur, tegen de aanvallen van satan te beschermen. Help ons zijne ingevingen af te slaan, met kuische harten en zuivere liefde voor God te wandelen, opdat we eenmaal aan den bruiloftsdisch des hemels mogen aanzitten.

Nogmaals zegt de priester: „Dominus vobiscum,quot; en laat daarop volgen; „Tte missa est,quot; d. i. gaat heen, de mis is geëindigd, of „Benedicamus Domino,quot; of; „Requiescant in pace.quot; Daarna zegent Jesus door de hand des priesters de geloovigen en in 't bizonder de kinderen. Kniel op dat oogen-blik eerbiedig neder en teeken u met het kruisteeken, zeggende; dat de almachtige God, f de Vader, f de Zoon en f de H. Geest mij zegenen. Amen. Bid vervolgens tot slot;

Ik dank U, o hemelsche Vader, voor de genade, dat ik het H. Misoffer heb mogen bijwonen. Vergeef mij alle nalatigheden, waaraan ik mij daarbij heb schuldig gemaakt. Zegen, Heer, vandaag mijn doen en laten, en behoed mij voor alles, wat zonde is.

O Jesus, ware Zoon Gods! Vol genade en waarheid zijt Gij van den hemel gedaald om ons door Uwen kruisdood te verlossen. O, laat niet toe, dat Uwe smarten en Uw bloed voor mij verloren gaan en wees mij genadig, als Gij zult wederkomen

ocr page 55

om te oorcleelen. Schenk mij dan eene plaats aan Uw rechterhand onder Uwe uitverkorene schapen, tot wie gezegd zal worden: „Komt, gezegenden des Vaders en bezit het rijk des hemels, dat van den grondslag der wereld voor u bereid is.quot; Amen.

O Jesus! door Uw dood en wonden.

Vergeef mij aL'e straf en zonden 1

ocr page 56

«*lt;■ •*» r'f. ■*!. A A A A AV» Ve jVa'e sVs'e. quot;Te.'»V.J*e.yt3e.9c.3*ft.3V.i'*c.3*5.3*e.3*C-3quot;e jTci Je. st3e_9c.3e. 9e,3e.3«.ilt;!-3e.3t

sS\SNv(9\è)N VSWV^^V^\^V§Wgt;S\S?

gt;yAr//lt;*lt;■/»■gt;v.' wwwvxmwwKV.-sHcvKW' ■^lt;^oooBOoeojooonooov^m^^mow»gt;coKMC^O^msoKOomsw^www'o^'^lt;m^lt;woc^

TniTTTTTTTTTTlfTrnTTTflIIlTTlTTlTlTTTT

(3- IE DB E ID E InT,

welke de ii\ih'(lier|aa]£ ii| afwis!,sclirjg met dei) fi'le^tef gcdui'ei^de de II. _Mis' feidt.

pERDE WIJZE VAN VERKLARING.

Bij den aanvang der Mis.

Sacerdos. In nomine Patris et Fiüi et Spiritus Sancti. Amen. -— Introibo ad altare Dei.

Minister. Ad Deum, quilae-tificat juventutem meum.

Sac. Judica me, Deus et dis-cerne causam meam de genie non sancta, ab homine iniquo et doloso erue me.

Min. Quia tu es Deus, forti-tudo mea, quare me repulisti,

Priester. In den naam des Vaders en des Zoons en des H. Geestes. Amen. — Ik zal komen tot het altaar Gods.

Dienaar. Tot God, die mijne jeugd verblijdt.

Pr. Geef mij recht, o God, en handhaaf mijne zaak tegen een onheilig volk; bevrijd mij van den man des onrechts en des bedrogs.

D. Want Gij, o God; zijt ; mijne sterkte. Waarom hebt Gij


ocr page 57

— 53 —

et quare tristis incedo, dum affligit me inimicus.

Sac. Emitte lucem tuam et veritatem tuam, ipsa me dedu-xerunt, et adduxerunt in mon-tem sanctum tuum et in taber-nacula tua.

Aiin. Et introibo ad altare Dei, ad Deum qui laetificat ju-ventutem meam.

Sac. Confitebor tibi in cithara, Deus, Deus meus quare tristis es, anima mea: et quare con-turbas me ?

Min. Spera in Deo, quoniam adhuc confitebor illi salutare vultus mei, et Deus meus.

Sac. Gloria Patri etc.

Min. Sicut erat. etc.

Sac. Introibo ad altare Deum.

Min. Ad Deum, qui lastificat juventutem meam.

Sac. Adjutorium f nostrum in nomine Domini.

Min. Qui fecit coelum et terram.

Min. Confiteor Deo omni-potenti, beatae Mariae semper virgini, beate Michaëli Argan-mij verstoeten en waarom ga ik treurig daarheen onder de verdrukking van mijn vijand?

Pr. Zend Uw licht en Uwe trouw, die zullen mij geleiden en mij voeren tot Uwen heiligen berg en in Uwe woning.

D. En ik zal komen tot Gods altaar, tot God, die mijn jeugd verblijdt.

Pr. Ik za! u loven op de harpe, o God, mijn God ! Waarom zijt ge bedroefd, mijne ziel, en waarom ontrust gij mij?

D. Betrouw op God, want ik zal Hem loven, Gij zijt mijn heil en mijn God.

Pr. Eere zij den Vader. enz.

D. Gelijk het was enz.

Pr. Ik zal komen tot het altaar Gods.

D. Tot God, die mijne jeugd verblijdt.

Pr. Onze hulp f is in den naam des Heeren.

D. Die hemel en aarde gemaakt heeft.

D. Ik belijd den almachtigen God, de heilige Maria altijd Maagd, den heiligen Aartsengel


ocr page 58

— 54 —

gelo, beato Joanni Baptistae, sanctis Apostolis Petro et Paulo, omnibus Sanctis et tibi paler quia peccavi nimis cogitatione, verbo et opera; mea culpa! meaculpa! raea maxima culpa! Ideo pre-cor buatam Mariam semper Virginem, beatum Michaël Archangelum, beatum Joannem Baptistam, sanctos Apostolos Petrum et Paulum, omnes Sanctos, et te pater, orare pro me ad Dominum Deum nostrum.

Ali'i. Misereatur tui omni-potens Deus et demissis pec-catis tuis perducat te ad vitam aeternam.

Ssic. Amen.

Min. Orat hic confiteor.

Sac. Misereatur vestri om-nipotens Deus, et dimissis pec-catis vestris perducat vos ad vitam aeternam.

Min. Amen.

Sac. Indtilgenüam, f abso-lutionem et remissionem pecca-torum nostrorum tribuat nobis omnipotens el misericors Do-minus.

Michael, de heilige Apostelen Petrus en Paulus, alle heiligen en uw broeders, dat ik ze^r gezondigd heb in gedachten, woorden en werken, door mijne schuld, door mijne allergrootste schuld. Daarom bid ik de LI. Maria altijd maagd, den H. Aartsengel Michael, den H. Joannes den Dooper, de H. Apostelen Petrus en Paulus, alle heiligen en u broeders te bidden voor mij bij den Heer, onzen God.

D. De almachtige God er-barme zich uwer, Hij vergeve uwe zonden en geleide u ten eeuwigen leven.

Pr. Amen.

De misdienaar bidt nu de confiteor.

Pr. De almachtige God er-barme Zich uwer. Hij vergeve uwe zonden en geleide u ten eeuwigen leven.

D. Amen.

Pr. Nalating, vergiffenis en vergeving onzer zonden ver-leene ons de almachtige Heer.


ocr page 59

— 55 ~

1

Mi/?, Amen.

D. Amen.

1

Sac. Deus, tu conversus vi-

Pr. 0 God, wend U neder

r

vificabis nos.

tot ons en verlevendig ons.

Mi/i, Et plebs tua laetabitur

D. En Uw volk zal zich in

e

in te.

U verheugen.

-

Sac. Ostende nobis, Domine,

Pr. Toon ons, o Heer, Uwe

e

misericordiam tuam.

barmhartigheid.

n

Mi'i. Et salutare tuum da

D. En verleen ons Uw heil.

,

nobis.

.

Sac, Domine, exaudi oratio-

Pr. Heer, verhoor mijn ge

nem meam.

bed.

e

Mtn. Et clamor mens ad te

D. En laat mijn roepen tot

*

veniat.

U doordringen.

Sac. Dominus vobiscum.

Pr. De lieer zij met u.

r-

Min. Et cum spiritu tuo.

D. En met uwen geest.

e n

Bu dk Kyrie eleison.

Sac. Kyrie eleison.

Pr. Heer, erbarm U onzer.

!e

Min. Kyrie eleison.

D. Heer, erbarm U onzer.

Sac. Kyrie eleison.

Pr. Heer, erbarm U onzer.

r-

Jl/i.'i. Christe eleison.

D. Christus, erbarm U onzer.

/e

Sac. Christe eleison.

Pr. Christus, erbarm U onzer.

m

Min. Christe eleison.

D. Christus,erbarm U onzer.

Sac. Kyrie eleison.

Pr. Heer, erbarm U onzer.

Mi/!. Kyrie eleison.

D. Heer, erbarm U onzer.

3n

Sac. Kyrie eleison.

Pr. Heer, erbarm U onzer.

ïr-sr.

De Gloria.

Gloria in excelsis Deo et in

Eere zij God in den hoogen

terra pox hominibus bonae vo-

en op aaide vrede den menschen

ocr page 60

— s6 —

luntalis, laudamus te. Bene-dicimus te. Adoramus te. Glo-rificamus te. Gratias agimus tibi propter magnam gloriam tuam: Domine Deus, Rex coe-lestis. Deus Pater omnipotens, Domine Fili unigenite Jesu-Christe. Domine Deus Agnus Dei, Filius Patris. Qui tollis peccata mundi, miserere nobis. Qui tollis peccate mundi, sus-cipe deprecationem nostram. Qui sedes ad dexteram Patris, miserere nobis. Quoniam tu solus Sanctus; Tu solus Domi-nus. Tu solus Altissimus Jesu Christe, cum Sancto Spiritu in gloria Dei Patris. Amen.

Sac. Dominus vobiscum.

Min. Et cum spiritu tuo

Sac. Legit Epistola.

Het E

Sac. Dominus vobiscum.

Min. Et cum spiritu tuo.

Sac. Sequentia sancti Evan-gelii secundum N. N.

Min. Gloria tibi Domine.

; van goeden wille. Wij loven U. ; Wij prijzen U. Wij aanbidden ; U. Wij verheerlijken U. Wij : danken U, wegens uwe groote i heerlijkheid, Heer, God, hemel-; sche Koning, God, almachtige Vader! — Heer Jesus Christus, i eeniggeboren Zoon, Heer God, ; Lam Gods, Zoon des VadersI : die wegneemt de zonden der i wereld, ontferm LT onzer. Die ; wegneemt de zonden der we-! reld, neem ons gebed aan. Die ; zit aan de rechterhand des ; Vaders, ontferm U onzer. Want ! Gij alleen zijt heilig, Gij alleen : de Heer, Gij alleen de hoogste, : o Jesus Christus met den H. ! Geest in de heerlijkheid van i God den Vader. Amen.

Pr. De Heer zij met u.

D. En met uwen geest.

Pr. Na het Epist., Deo gratias.

angelie.

Pr. De Heer zij met u.

D. En met uwen geest.

Pr. Het volgende is uit het Evangelie van den heiligen N.N.

D. Eere zij U, o Heer!


ocr page 61

— 57 —

Snc. Per evangelica dicta deleantur nostra delicta.

Min. Laus tibi Christel

Fr. Dat door de woorden des Evangelies onze zonden mogen weggenomen worden. JD. Lof zij U, o Christus!


De Credo.

Credo in unum Deum, Pa-trem omnipotentem, factorem coeli et terrae, visibilium omnium et invisibilium. Et in unum Dominum Jesum Christum, Filium Dei unigenitum, et ex Patre natum ante omnia saecula; Deum de Deo, lumen de lumine, Deum verum de Deo vero, genitum, non factum, consubstantialem Patri, per quem omnia facta sunt; qui propter nos homines et propter nostram salutem descendit de coelis; et incarnatus est de Spiritu Sane to ex Maria Vir-gimis; et homo factus est, cru-cifixus etiam pro nobis; sub Pontio Pilatus passus, et sepul-tus est, et resurrexit tertia die secumdum Scripturas; et as-cendit in coelum, sedet ad dexteram Patris; et iterum ven-turus est cum gloria judicare

Ik geloof in eenen God, den almachtigen Vader, den Schepper van hemel en aarde, van alle zichtbare en onzichtbare dingen. En in eenen Heer Jesus Christus, den eeniggeboren Zoon Gods, die uit den Vader voor alle eeuwen geboren is, God van God, licht van licht, waren (. od van den waren God, geboren, niet gemaakt, één in wezen met den Vader, door Wien alles gemaakt is: die voor ons menschen en voor onze zaligheid uit den hemel is nedergedaald en het vleesch heeft aangenomen door den H. Geest uit de maagd Maria en is mensch geworden, (de priester buigt zijne knieën), Hij is ook voor ons gekruisigd onder Pontius Pilatus, heeft geleden en is begraven geworden. En is op den derden dag weder verrezen,


ocr page 62

- 58 -

vivos et mortuos, cujus regni non erit finis. Et in Spiritum sanctum Dominum et vivifican-tem, qui ex Patre Filioque pro-cedit: qui cum Patre et Filio simul adoratur, et conglorifica-tor, qui iocutus est per Pro-phetas. Et unam sancta-m catho-Hcam et apostolicam Ecclesiam. Confiteor unum baptisma in remi sionem peccatorum: et exspecto resurrectionem mor-tuorum, et vitam venturi sae-culi. Amen.

volgens de H. Schrift, en is opgeklommen ten hemel, zit aan de rechterhand des Vaders en zal wederkomen met heerlijkheid om de levenden en dooden te oordeelen en Zijn rijk zal geen einde hebben. Ik geloof in den H. Geest, den Heer en Levendmaker, die van den Vader en den Zoon voortkomt, die met den Vader en den Zoon tegelijk wordt aangebeden en verheerlijkt, die gesproken heeft door de profeten. Ik geloof ook eene heilige, katholieke en apostolische Kerk. Ik belijd één doopsel tot vergiffenis der zonden en ik verwacht de opstanding der dooden en een eeuwig toekomstig leven. Amen.


Ka de Offerande.

(De priester ;-ich tot het volk wendend zegt:)

Sac. Oratefratres, ut meum, Pr. Bi.lt, broeders, opdat

ac vestrtun sacrificium accep- : mijn en mv offer welgevallig

tabile fiat apud Deum, Patrem worde bij God, den Almachti-

omnipotentem. gen Vader.

Min. Suscipiat Dominus Sa- D. De Pleev neme het offer

crificium de manibus tuis r-d uit uwe handen aan tot lof cn

ocr page 63

— 59 —

laudem et gloriam nominis Sui, ad utilitatem quoque nostram to-tiusque Ecclesiae Suae Sanctae. Sac. Amen.

gloiie van Zijn Naam, alsook tot nut voor ons en Zijne ge-heele, heilige kerk.

/V. Amen.


De Praefatie met den Sanctüs.

S/ic. Per omnia saecula sae-culorum.

Mi/i. Amen.

Sac. Dominus vobiscum

Min. Et cum spiritu tuo.

Sac. Sur sum cord a.

JIJi'i. Habemus ad Dominum.

Sac. Gratias agamus Domino Deo nostro.

Jlh'n. Dignam et justum est,

Sac. Vere dignum et justum est, aequum et saiutare nos tibi semper et ubique gratias agere, Doroine Sancte, Pater onni-potens, aeterne Deus ! per Christum Dominum nostrum. Per quem majestatem tuam laudant Angeü, adorant Dominationes, tremunt Patestates. Coeli Coe-lorumque virtutes ac beata Seraphim socia exultatione concelebrant. Cum quibus et nostras voces ut admitti ju-

Fr. Van eeuwigheid tot eeuwigheid.

D. Amen.

Pr. De Heer zij met u.

D. En met uwen geest.

Pr. Verheft uwe harten.

D. Wij hebben ze bij den Heer.

Pr. Laat ons danken den Heer, onzen God.

D. Dit is waardig en recht.

Pr. Waarlijk, het is waardig en recht, billijk en heilzaam, dat wij U altijd en overal dank zeggen, o heilige Heer. Door Hem loven de engelen Uwe Majesteit, aanbidden de Heerschappijen, sidderen de Machten. De hemelen en de machten der hemelen en de zalige Sera-phijnen prijzen U in gemeen-schappelijken lofzang. Dat Gij met hunne ook onze gebeden tot U wilt laten komen,srneeV.eu wij


ocr page 64

— 6o —

beas deprecamur, supplici con-fessione dicentes: Sanctus, Sancius, Sanctus Dominus Deus Sabaoth. Pleni sunt coeli et terra gloria tua. Hosanna in excelsis! Benedictus qui venit in nomine Domini! Hosanna in excelsis 1 in ootmoedige belijdenis, zeggende : Heiiig, heilig, heilig is de Heer, God der Heerscharen. Vol zijn hemel en aarde van Uwe heerlijkheid. Hosanna in den hoogel Geprezen Hij, die daar komt in den naam des Heeren I Hosanna in den hooge!


Dk Stille Gebeden.

ïe igitur, clementissime Pater per Jesum Christum, Filium tuum, Dominum nostrum, sup-plices rogamus ac petimus, uti accepta habeas et benedicas haec f dona, haec f munera, haec sancta f sacrificia illiba-ta; imprimis quae tibi offe-rimus pro Ecclesia tua Sancta Catholica, quam pacificare, cus-todire, adunare et regere dig-neris toto orbe terrarum, una cum famulo tuo Papa nostro N. N. et Antiatite nostro N. et omnibus orthodoxis atque catholicae et Apostolcae fidei cultoribus.

Memento vivorum.

Memento Domine, famulo-rum famularumque tuarum N.

Wij bidden U dringend, o milddadigste Vader, door Jesus Christus Uwen Zoon, onzen Heer en smeeken U, dat Gij aannemen en zegenen wilt deze j gaven, deze j geschenken, deze j heilige onbevlekte offers, welke wij U aanbieden in 't bizonder voor Uwe heilige, katholieke Kerk, opdat Gij haar in vrede bewaren, behoeden, vereenigen en regeeren wilt over de geheele wereld, tegelijk met Uwen dienaar onzen Paus N. N. en onzen Bisschop N. en alle rechtgeloovigen en belijders van 't katholiek enapostoliek geloof.

Gedachtenis voor de levenden.

Gedenk Heer! Uwe dienaars en dienaressen N. N. en alle


ocr page 65

N. et omnium circumstantium. omstanders.wier geloof en godsquorum tibi fides cognita est et dienst U bekend zijn, voor wie nota devotio, pro quibus tibi : wij U offeren, of die U zelf dit offerimus, vel qui tibi offerunt lofoffer opdragen voor zich zel-hoc sacrificium laudis pro se : ven en al de hunnen, voor de suisque omnibus, pro redem- ; verlossing hunner zielen, voor tione animarum suarum, pro de hoop van hun heil en van hun spe salutis et incolumitatis suae, welvaart en die U, den eeuwi-tibi-jue reddunt vota sua, aeter- gen, levenden en waren God., no Deo vivo et vero. hunne geloften aanbieden.

COMMUNKJ ANTES.

(In sommige octaven ondergaat dit gebed eene kleine verandering.)

Communicantes et memoriam venerantes imprimis gloriosae semper virginis Mariae, geni-tricis Dei et Domine nostri Jesu Christi, sancti Jozephi sed et beatorum Apostolorsm ac martyrum tuorum, Petri et Pauli, Andreae, Bartholomaei, Mathaei, Simonis, et Thaddaei: Linicleti,Clementis, Xysti, Corne-lii, Cypriani, Laurentii, Chryso-goni, Joannis et Pauli, Cosmae et Damiani et omnium sanc- ; torum tuorum quorum meritis praecibusque concedas, ut in omnibus protectionis tuae mu- .

Wij smeek en gemeenschappelijk en eeren de gedachtenis bizonder der glorierijke altijd zuivere maagd Maria, der moeder Gods, onzes Heeren Jesus Christus, van den H. Jozef en ook van Uwe heilige Apostelen en Martelaren; Petrus en Paulus, Andreas, Jakobus, Johannes, Thomas, Philippus, Bartholo-meus. Matheus, Simon en Tha-deus, Linus, Cletus, Clemens, Xystas, Cornelius, Cyprianus, Laurentius, Chrysogomus, Joannes en Paulus, Cosmus en Damianus en van al Uwe Hei-


ocr page 66

02

niamur auxilio; per eumdem Christum Dominum nostrum.

Sac. Manus tenet super obla-ta. Hanc igitur oblationem ser-vitutis nostrae, sed et cunctae familiae tuae, quaesumus, Do-mine, ut placatus accipias, di-esque nostras in tua pace dis-ponas, atque ab aeterna dam-natione nos eripi et in electo-rum tuorum jubeas grege nu-merari: per Christum, Dominum nostrum. Amen.

Sac. Benedicit oblata.

Quam oblationem tu, Deus, in omnibus, quaesumus, bene f dictam, ad f scriptam ratam f rationabilem acceptabilem que facere digneris, ut nobis Cor f pus et San f quis fiat dilectiissimii Filii tui, Domini nOstri Jesu Christi:

Qui pridie, quam pateretur, accepit panem in sanctas ac ve-nerabiles manus suas, et ele- ; vatis oculis in coelum ad te.

i ligen. Verleen ons door hunne ; verdiensten en voorbeden, dat ; wij in alles door Uwe hulp-; rijken steun beschut worden, j Door denzelfden Christus,onzen ; Heer. Amen.

Fr. De priester strekt de han-i den uit over brood en wijn. 1 Wij bidden U nu, o Heerl dat ; Gij dit offer van ons ambt en ; Uwer ganscbe gemeente genadig i aannemen wilt, ons onze levens-i dagen in Uwen vrede laat door-; brengen, dat Gij ons van de eeu-; wige verdoemenis bevrijden en j onder de scharen Uwer uitver-i korenen zult tellen. Door Jezus i Christus onzen Heer. Amen.

Pr. Zegent brood en wijn.

Wil Gij, o God! wij smee-ken het U, dit offer in alles zegenen, f goedkeuren, f bevestigen, f U aangenaam en welgevallig maken, opdat het ons veranderd worde in het lichaam f en bloed f van Uwen beminden Zoon, onzen Heer Jesus Christus:

Die daags voor Zijn lijden brood in Zijne heilige en eerbiedwaardige handen nam, de


ocr page 67

— 63 —

Deum Patrem suum omnipo-tentem, tibi graüas agens, bene f dixit, fregit deditque discipulis suis dicens:

„Accipile et mafiducaie cx hoc omnes. Hoe est enim Corpus Meum.quot;

Simili modo, postquam coe-natum est, accipiens hunc prae-clarKm calicem in sanctas ac venerabiles manus suas, item tibi gratias agens bene f dixit deditque discipulis suis dicens; „Accipile et bibite ex eo omnes. Hic est enim Calix Sanguinis mei 7iovi et aeterni testament/: mysterium fidei: qui pro vol is et pro multis effundetur in re-missionem peceatorum.

„Hoe quotics cunquefeceritis in mei memoriam facietis.quot;

Unde et memores, Domine, nos servi tui, sed et plebs tua sancta, ejusdem Chrisli Filii tui, Domini nostri; tam beatae passionis nee non ab inferis resurrectionis, sed et in coelum gloriosae ascensionis; offerimus praeclarae majestati tuae de tuis donis ac datis hostiam f puram, hostiam f sanctam f oogen ten hemel tot U, God, Zijnen alraachtigen Vader verhief, U dankte, zegende f brak en het Zijne leerlingen gaf met de woorden: „neemt en eet allen daar-van!' „Dit is Mijm lichaam.quot;

Op dezelfde wijze nam Hij na het Avondmaal ook dezen heerlijken kelk in Zijne heilige en eerbiedwaardige handen, dankte insgelijks, zegende | en gaf hem Zijnen leerlingen met de woorden: „Neemt en drinkt allen hieruit, want dit is de kelk Mijns bloeds, van het nieuw en eeuivig verbond; — het geheim des geloofs — hetwelk (Bloed) voor u en voor velen zal vergoten worden tot vergiffenis der zoriden.quot;

„Zoo dikwijls gij dit doen zult, zult gij het tot mijne gedachtenis doen.quot;

Vandaar gedenken Uwe dienaars, en wij ook Uwe geheele heilige gemeente, o Heer, denzelfden Christus, Uwen Zuon, onzen Heer; zoowel Zijn heilig lijden, als ook Zijne verrijzenis van den dood en Zijne glorierijke hemelvaart, en Uwe ma-


ocr page 68

— 64 —

immaculatam, panem f sanctum vitae aeternae et ca f li-cem salulis perpetuae.

Supra quae propitio ac sereno vultu respicere ligneris et ac-cepta habere, sicuti accepta habere dignaCüs es munera pueri tuijusti Abeletsacrificium Patriarchae noslri Abrahae, et quod tibi obtulit summus sa-cerdos tuus Melchisedech, sanctum sacrificium immaculatum. Amen.

Sac. Sese indinat super al-tare. Supplices te rogamus, omnipotens Deus; utjubeas haec perferri per manus sancti An-geli tui in sublime altare tuum in conspectu divinae majestatis tuae, ut quotquot ex hac altaris participationesacrosanctumFilii tui Cor j pus et San j guinem sumpserimus omni benedictione coelesti et gratia repleamur: per eutndem Christum Domi-num nostrum. Amen.

jesteit van Uwe gaven en giften een zuiver f offer, een heilig | offer, een onbevlekt f offer, het heilig f brood des eeuwigen levens en den kelk f des voort-durenden heils.

Gewaardig U, op dit offer met genadigen en milden blik neder te zien en het in ontvangst te nemen, gelijk Gij U gewaardigd hebt de geschenken aan te nemen van Uwen rechtvaardigen dienaar Abel en het offer van onzen aartsvader Abraham en het heilig en onbevlekt offer, hetwelk U Uw Hoogepriester Melchisedech heeft aangeboden.

De Priester buigt zich over het altaar. Almachtige God, smeekond bidden wij U; laat deze offergaven door de handen van Uwen Engel dragen op het verheven altaar voor het aangezicht Uwer goddelijke heerlijkheid, opdat wij allen, wij, die aan dit Sacrament des Altaars deelnemen en het allerheiligste f Lichaam en het Bloed f van Uwen Zoon ontvangen met allen hemelschen


ocr page 69

6s —

Memento defunctorum.

Memento etiam, Domine.fa-rnulorum famularumque tuarum N. et N, qui nos praecesserunt cum signo fidei et dormiunt in somno pacis.

Ipsis Domine, et omnibus in Christo quiescentibus locum re-frigerii, lucis et pacis, ut indul-geas, deprecamur: per eumdem Christum Dominum nostrum. Amen.

Nobis quo que peccatoribus, fa-mulis tuis de multitudine mi-serationum tuarum sperantibus partem aliquam et societatem donare digneris cum tuis sanctis Apostolis et Martyribus: cum Joanne, Stephano, Mathia, Bar-naba, Ignatio, Alexandro, Marcellino, Petro, Felicitate, Per-petua, Agatha, Lucia, Agneta, Caecilia, Anastasia et omnibus sanctis tuis: intra quorum nos consortium, non aestimator me-riti, sed veniae, quecsumus, largitor admitte per Christum, zegen en met genade vervuld worden. Door denzelfden Christus onzen Heer, Amen.

Gedachtenis voor de overledenen.

Gedenk, o Heer, Uwe dienaars en dienaressen N. N., die ons voorgegaan zijn met het teeken des geloofs en in den slaap des vredes rusten.

Verleen deze, o Heer en allen die in Christus rusten, wij smee-ken het U, de plaats der verkwikking, des lichts en des vredes; door denzelfden Christus onzen Heer. Amen.

Ook ons zondaars. Uwe dienaars, wij, die op de menigte Uwer erbarmingen hopen, schenk ons eenig aandeel en gemeenschap met Uwe heilige Apostelen en Martelaren; met Joannes, Stephanus, Mathias, Barnabas, Ignatius, Alexander, Marcellinus, Petrus, Felicitas, Perpetuo, Agatha, Lucia, Agnes, Cecilia, Anastasia en al Uwe heiligen. Wij bidden, laat ons toe in hun gezelschap, niet met het oog op onze verdiensten, maar volgens Uwe alvermo-5-


ocr page 70

— 66 —

Dominum nostrum.

Per quern haec omnia, Do-mine, semper creas, sancti f ficas, vivi -J- ficas, bene | dicis et praestas nobis. Per ipsum et cum ipso et in ipso est tibi, Deo Patri omnipotenti in imitate Spiritus sancti omnis honor et gloria:

Sac. Per omnia saecula sae-culorum. gt;

Min. Amen.

Patkr nosthr.

oftrmus.

Praeceptis salutaribus monili et devina institutione formati audemus dicere;

Sac. Pater nosier, qui es in coelis sanctificeturnomen tunm: adveniat regnum tuum: fiat voluntas tua, sicnt in coelo et in tena; panem nostrum quo tidianum da nobis hodie: cl dimitte nobis dcbiia nostra, sicut et nos dirnittimus debi-toribus nostris: ct ne nos in Jiioas in tentationein.

gende genade, door Christus onzen Heer.

Door Wien Gij, o Heer, altijd alle goed schept, heiligt f levend maakt, f zegent f en ons schenkt. Door Hem en met Hem en om Hem zij U, den almachtigen God en Vader, in eenheid des heiligen Geestes alle eer eu heerlijkheid.

Pr. Van eeuwigheid tot eeuwigheid.

D. Amen.

Onze Vader.

Laat ons bidden.

Opgewekfdoor heilzame voorschriften en geleerd door goddelijk onderricht mogen wij zeggen ;

Pr. Onze Vader, die in de hemelen zijt, geheiligd zij Uw Naam, laat ons toekomen Uw ; rijk, Uw wil geschiede op aarde als in den hemel. Geef ons heden ons dagelijksch brood en vergeel ons onze schulden gelijk wij vergeven onze schuldenaren en leid ons niet in bekoring.


ocr page 71

— 6? —

Min. .Sed libera nos a malo.

Sac. Amen.

Sac. Libera nos, quaesumus, Domine, ab omnibus malis: praeteritis, praesentibus et fu-turis; et intencedente bea:a et gloriosa semper virgine Dei genitrice Maria cum beatis Apostolis tuiü Fetro et Paulo at-que Andrea et omnibus sanc-tis, da propitius pacem in diebus nostris, ut opc miseri-cordiae tuae adjuti et a peccuto simus semper liberi et ab omni perturbatione securi; per earn-dem Dominum nostrum Jesum Christum, Filium tuum, qui tecum vivit et regnat in imitate Spiritus sandi Duus.

Sac. Per omnia saecula sae-culoium.

Min. Amen.

Sac. Pax Domini sil semper vobiscum.

Min. Et cum spiritu tuo.

Sacerdos j arti-.ula-ii l ostiae in calicem immittit dkens:

D. Maar verlos ons van den kwade.

Fr. Amen.

Pr. O Heer, wij bidden U, bevrijd ons van alle rampen; van verledene^ tegenwoordige en toekomstige; en door de voorbede der zaligste, glorierijke, altijd zuivere Maagd en Moeder Gods Maria, met Uwe Apostelen Petrus en Paulus en Andreas en alle heiligen, verleen genadig vrede in onze dogen, opdat wij door de hulp Uwer barmhartigheid altijd zoowel van zonden bevrijd, alsook tegen eiken rampspoed beschut mogen zijn; door denzelfden |èsus Christus, Uwen Zoon, on-zen Heer, die met 1* leeft en regeert in tvuheid des H. Gees-tes als God.

Pr. Van eeuwigheid tol eeuwigheid,

D. Amen.

Pr. De vrede des Heeren zij altijd met u.

D. En met uwen geest.

De priester laat een klein I deeHje der H Hostie in den ; kelk vallen, zeggende:


ocr page 72

— 68 —

Haec commixtio et conse-cratio corporis et Sanguinis Domini nostri Jesu Christi fiat accipientibus nobis in vitam aeternam. Amen.

dgnus Dei, qui tollis peccata mundi — miserere nobis. — Ter repetitur, cum adjectione — dona nobis pacem. — In missis pro defunctis ter dici-tur: Dona eis requiem etc.

Domine Jesu Christi, qui ilixisti Apostolis tuis: „Pacem relinquo vobis, pacem meam do vobis,quot; ne respicias peccata mea, sed fidem Ecclesiae tuae, eamque secundum volun-tatem tuam pacificare et coa-dunare digneris; qui vivis et regnas Deus per omnia saecula saeculorum. Amen.

Domine Jesu Christi, Fili Dei vivi, qui ex vokmtate Pa-tris, coöperante Spiritu Sancto, per mortem tuam mundum vivificasti, libera me per hoc sacrosanctum Corpus et San-

Deze vermenging en wijding des Lichaams en Bloeds van onzen Heer, Jesus Christus, strekke ons, die ze ontvangen, ten eeuwigen leven. Amen.

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt — ontferm U onzer. — Wordt driemaal herhaald en den laatsten keer daaraan toegevoegd. — Schenk ons den vrede. — In zielemissen zegt men driemaal: — Schenk hun de rust. enz.

O Heer, Jesus Christus, Gij, die tot Uwe Apostelen zeidet: „den vrede laat ik u. Mijn vrede schenk Ik u,quot; zie niet op mijne zonden maar op het geloof Uwer Kerk, en gewaardig Haar, volgens Uwen wil in vrede en eenheid te bewaren. Gij, die leeft en regeert. God van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen. — In zielemissen valt dit gebed weg.

Heer Jesus Christus, Zoon van den levenden God, Gij, die volgens den wil des Vaders, onder medewerking des H. Geestes door Uwen dood de wereld het leven hebt terug


ocr page 73

— 69 —

guinem tuum ab omnibus ini-quitatibus meis et universis malis, et fac me tuis semper inhaerere mandatis, et a te nunquam separari permittas: qui cum eodem Deo Patra et Spiritu Sancto vivis et regnas in Saecula saeculorum. Amen.

Perceptio Corporis tui, Do-mine Jesu Christe, quod ego indignus sumerepraesumo, non mihi proveniat in judicium et condemnationem sed pro tua pietate prosit mihi ad tuta-mentum mentis, corporis et ad medelam percipiendam: qui vivis et regnas cum Deo Patre in unitate spiritus sancti Deus per omnia saecula saeculorum. Amen.

geschonken: bevrijd mij door dit Uw allerheiligst Lichaam en üw allerheiligst Bloed van al mijne ongerechtigheden en alle rampen en geef dat ik steeds volgens Uwe geboden leve en laat niet toe, dat ik ooit van U gescheiden worde. Gij, die met denzelfden Vader en den H. Geest leeft en regeert van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

Dat de nuttiging van Uw lichaam, o Heer Jesus Christus, hetwelk ik onwaardige waag te ontvangen, mij niet strekke tot gericht en verdoemenis; maar volgens Uwe barmhartigheid tot steun der ziel en des lichaams en tot hunne genezing. Cij, die leeft en regeert met God den Vader in de eenheid des H. Geestes, God van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.


Communie.

(De priester neemt het Lichaam des Heeren in zijne hand en zegt:)

Panem coelestem accipiam et nomen Domini invocabo.

Ik wil het brood des hemels nuttigen en den Naam des Heeren aanroepen.


ocr page 74

— 7b —

Domine, non sutn dignus, ut intres sub tectum meum, sed tantum die verbo, et sa-nabitur anima mea — Ter dicitur.

Corpus Domini nostri Jcsu Chrisii custodiat aniinaiii nteam in vit am aeternam, Amen.

O Heer, ik ben niet waardig, dat Gïj onder mijn dak komt; maar spreek slechts één woord en mijne ziel zal gezond worden. (Dit wordt driemaal herhaald.)

Het Lichaam van onzen Heer Jcsus Christus bexvare mijne

ziel ten eeuwigen leven. Amen.


Daarna zuivert de priester de corpoiaal en zegi.

voor de nuttiging van het allerheiligst bloed;

Quid relribuam Domino pro Wat zal ik den Heer weder-omnibus, quae retribuit mihi? geven voor alles, wat Hij mij Calicem Salutaris accipiam et geschonken heeft? Ik zal den nomen Domini invocabo. Lau Kelk des heils nuttigen en den dans invocabo Dominum et ab Naam des Heercn aanroepen, inimicis meis salvus eio. Lovend zal ik den Heer aan

roepen en ik zal beschut zijn legen mijne vijanden.

Sanguinis DomininoshiJe.su //lt; / Bloed van o/i'-en Heer Christ/ custodiat animam meam jcsus Christus beware mijne ziel in vitam aeternam. Amen, -ten eeuwigen leven. Amen.

Sac. Purificat calicem di- Fr. Laat wijn in den kelk eens : gieten, zeggende;

Quod ore sunipsimKS,Uomine, Wat wij met den mond ge-pura mente capianuis et de nuttigd hebben, o Heer, laat munere temporali fiat nobis ons dac met een zuiver hart remedium sernpitenimu ontvangen en dat dit tijdelijk ge-

; schenk ons tot een middel ten j eeuwigen heil sttikke.

ocr page 75

— 7r ~

Sac. abluit digitos dicesn:

Corpus tuum Domine quod sumpsi et Sanguis, quem potavi, adhaereat visceribus meis, et praesta, ut in me non remaneat scelerum macula, quem pura et sancta refecerunt sacramenta: qui vivis et regnas in saecula saeculorum. Amen.

Slot der

Sac. Dominus vobiscum.

Min. Et cum spiritu tuo.

Sac. Ita missa est, vel:

Sac. Benedicamus Domino.

Mift. Deo gratias.

In missis pro defunctis dici-tur: Requiescant in pace.

Min. Amen.

Placeat tibi, sancta Trinitas, obsequium servitutis rneae, et praesta. ut sacrificium, quod oculis divinae majestatis time indignus obtuli, tibi sit accep-tabile, mihique et omnibus, pro

Pr. laat water in den kelk gieten en zegt;

U w lichaam, o Heer, dat ik genuttigd en Uw Bloed, dat ik gedronken heb, blijve in mijne ziel en geve, dat in mij geen zondenvlek overblijve, dien de zoo zuivere en heilige sacramenten versterkt hebben. Gij, die leeft en regeert van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen,

H. Mts.

Pr. De Heer zij met u.

D En met uwen geest.

Pr Gaat, de mis is geëindigd, of

Pr. Laat ons den Heer prijzen.

D. God zij dank.

In missen voor overledenen zegt de priester: Dat zij rusten in vrede.

D. Amen.

O heilige Drievuldigheid, dat U het dienstwerk mijner onderdanigheid aangenaam zij en geef, dat het ofter, hetwelk ik, onwaardige, voor het aanschijn Uwer goddelijke majesteit heb


ocr page 76

— 72

quibus illud obtuli, sit te mise rante propitiabile: per Christum Dominum nostrum. Amen.

Sac. benedicit populum.

Benedicat vos omnipotens Deus f Pater et Filius et Spiritus Sanctus.

Min. Amen.

Sac. Dominus vobiscum.

Min. Et cum spiritu tuo.

Sac. Initium Sancti Evan-gelii secundum Joannem.

Min. Gloria tibi Domine.

In principio erat verbum, et verbum erat apud Deum, et Deus erat verbum. Hoe erat in principio apud Deum. Omnia per ipsum facta sunt; et sine ipso factum est nihil, quod factum est. In ipso vita erit et vita erat lux hominum: et lux in tenebris lucet, et tene-brae earn non comprehenderunt. Fuit homo missus a Deo, cui nomen erat Joannes. Hie venit in testimonium, ur testimonium perhiberet de lumine, ut omnes crederent per ilium. Non erat ille lux, sed ut testimonium opgedragen, U welgevallig, mij echter en allen, voor wien ik het heb opgedragen, door Uwe ontferming heilzaam zij: door Christus onzen Heer. Amen.

Pr. zegent het volk.

De almachtige God, t de Vader, de Zoon en de H. Geest, zegene u.

D. Amen.

Pr. De Heer zij met u.

D. En met uwen Geest.

Pr. Begin des Evangelies volgens den H. Joannes.

D. Eere zij U, o Heer.

In den beginne was het Woord, en het Woord was bij God, en het Woord was Zelf God. Dit was in den beginne bij God. Alles is door hetzelve gemaakt en zonder dat is er niets gemaakt van hetgeen gemaakt is. In hetzelve was het leven, en het leven was het licht der menschen, en het lieht scheen in de duisternissen en de duisternissen hebben het niet begrepen. Er was een mensch van God gezonden, wiens naam Joannes was. Deze kwam tot getuigen, om van


ocr page 77

— 73 —

perhibere' de lumine. — Erat iux vera, qua^ illuminat omnem horrinem venientem in hunc rnllndurn. In mundp erat et mundua per ipsurn factus est et mundus eum non cognovit. In propria venit et sui eum non receperunt. Quotquot autem receperunt eum, dedit eis potes-tateni filios Dei fieri, his qui credunt in nomine ejus, qui non ex sanguinibus neque ex voluntate carnis, neque ex vo-luntate viri, sed ex Deo nati sunt. Ei verbum Caro factum est et habitavit in nobis. Et vidimus gloriam ejus, gloriam quasi unigeniti a Patre plenum gratiae et veritatis Joan. 7. 1 — 14.

Min. Deo f-ratias,

1 het licht getuigenis te geven, ten eind2 allen door Hem ge-looven zouden. Hij was zelf het liclit niet, maar kwam slechts om van het licht getui-g«nis te geven. Het ware licht was, hetwelk alle menschen, komende in deze wereld verlicht. Hij was in de wereld, en de wereld is door Hem gemaakt; doch de wereld heeft Hem niet gekend. Hij kwam in Zijn eigen, maar de zijnen hebben Hem niet ontvangen. Nochtans aan allen, die Hem aangenomen hebben, heeft Hij macht gegeven kinderen Gods te worden, nainelijk die in Zijnen naam gelooven, welke niet uit den bloede, noch uit den wil des vleesches, noch uit den wil des mans, maar uit Ood geboren zijn. En het Woord is vleesch geworden, en het heeft onder ons gewoond. En wij hebben Zijne heerlijkheid aanschouwd, eene heerlijkheid als die van den eeniggeborenen des Vaders vol van genade en waarheid.

D. God zij dank.


ocr page 78

JÜ E E T

Elz. 4 staat; martelaren elders. Lees; martelaren van elders. „ „ „ van mindere stof zijn, bijv. van grof linnen. Lees: van grover linnen zijn.

Blz. 5 staat: Een doek van wit linnen. Lees : Een doek van fijn wit linnen.

ocr page 79
ocr page 80

■

ocr page 81

1111 11

■

.