ocr page 1
ocr page 2
ocr page 3
ocr page 4
ocr page 5

Vlni bi

BE; J!# (1®.

ten waarschuwend

■J

AAN

H.EM

DOOR

A. VAN ROS.

TECA • r. ;•; fi.

2t'e onverandükde uitgave.

ROERMOND. M. WATERREUS, Drukker amp; Uitgever. 1891.

ocr page 6
ocr page 7

Pamp;fiy ^ y rZXS y

gt;g\g\g\^vg\^^\^gt;.Uf\^gt;(j\^.^'ï^^\^v(^(^vclt;)\gNv^\tfgt;,.6t\Crgt;v(yv(ïgt;lt;v(n\(rgt;.Ci)\^.^'\gs ^r)\(p' g\g\Q;\lt;^\g^

lyn werkje eisc/l eev woord ter inleidiny, ier jniiie he-paling van. he/ standpiml, waarop wij ons plaatsen, — ter noodzakelijke voorkominc/ can onyepaste en scleeoe voorstellingen.

Het denkbeeld van ^.Toden laatquot; was en is ons volkomen vreemd. Onvoorwaardelijk keuren wij iedere gewelddadige poging tol „Jodenvervolgingquot; af. Ons werkje is een weh/emeend en ernstig beroep op het rechts- en eergevoel van het Ne-derlandscie volk, — is een aansporing om ons volks-karaider, in onze zeden en gebruiken, in onze wette/i en instellingen te handhaven, — den niaehligen invloed te keer en, die onder onze oogen reeds Frankrijk, Oostenrijk, Rmnttnië en Italië overstroomd heeft. Zonder onedele wapenen ter hand te nemen, mag men den aanvaller onschadelijk maken, moet een volk zijn bestaan tegen den indringer op prijs honden.

Daarom hebben wij er naar gestreefd, een kort en degelijk geschrift saam te stellen; zijn bondigheid mocht, hoopten wij, zijn algemeene verspreiding maarlorgen, zijn degelijkheid, van de verlroawbaarheid onzer gevolgtrekking getuigen.

Wij traehtten dus, rooreerst liet karakter van den dood niet sleehts rhrehtig te sidietsen. maar m meer fijne trekken ie teekenen: w hun aard toch ligt de grmd hnnner handel-wijze; vervolgens beproefden wij hnn verderfelijke bedrijven in het licit te stellen. — en aan te duiden, welke gevolg-

ocr page 8

— 4 —

trekking voor den Clristen-Nederiander onver mij deljk voor de hand ligt.

Moge dit boekje, 7 welk stemt op het gezag van menigvuldige onverdachte getuigenissen, ingang vinden, wijd en zijd verspreid worden in Nederland, en iets bijbrengen om een helderder licht te dooi opgaan over dat Jodendom, hetwelk in zijn geheimzinnige verborgenheid zijn kracht ook in Nederland niet langer mag vinden.

Den lezer heil!

ocr page 9

I.

J~Iet Joden-vraagstuk kan tot één punt worden teruggebracht: wat is een Jood?

Gemakkelijk echter is de oplossing van dit vraagstuk juist niet. Veler verkeerde voorstelling toch, of lichtzinnige dooreen menging van noodzakelijke onderscheidingen, hebben de figuur van den Jood bijkans tot een sphinx vervormd. Trachten wij derhalve dat beeld tot de ware gedaante terug te brengen.

Het springt vooreerst in het oog, dat de Jood een Semiet is, dat is: een afstammeling van Noach's zoon Sem; wij Europeërs nu zijn Ariërs, een ras dat hemelsbreed van het Semitische verschilt i); men behoeft de geschiedenis slechts te ondervragen, om dit te leeren: Jeruzalem en Carthago 2) tegenover Rome en Athene zijn er de sprekendste bewijzen van.

Nu is het echter zeker, dat rassen die merkelijk verschillen, — het blijkt eveneens in de geschiedenis aller eeuwen, bij Germanen, Galliërs, Slaven, en zoo meer, — dat dergelijke rassen, zeggen wij, elkander een natuurlijken afkeer toedragen; hetzelfde geldt voor den Ariër en den Semiet, den Jood en den Europeer. Vrienden zijn wij dus van nature niet.

Maar toch, dit Semitisme, hoewel sommige schrijvers 3) het tegendeel beweren, geeft den hoofdtrek aan der Joden karakter niet.

En hoe? — Als de hoedanigheid van Semiet de grond is van het joodsche karakter, dan moet hij die Semiet blijft, het karakter van Jood behouden; dit nu is blijkbaar valsch. Ziehier bewijzen: Paulus bleef Semiet, hoewel de Jood in den Christen verkeerde;

1) Drumont: »La France Jnive,quot; I i —15 (Dit is het eenige werk van Drumont, waarnaar in dit geschrift verwezen wordt.)

2) Semitische steden.

3) O. a. Drumont: dit is een der persoonlijke opvattingen van den schrijver. De feiten die hij geeft (I. 1 —135) toonen vijandschap tusschen de twee rassen, maar niet dat de grond van der Joden haat in hun Semitisme ligt.

ocr page 10

Sauliis' geest, zijn karakter was veranderd. Evenzoo zijn de Rabbijnen Lehman Semiet gebleven, terwijl zij ophielden Jood te zijn door hun overgang tot het Christendom; Ratisbonne toont hetzelfde verschijnsel; Da Costa was sinds 1822 Protestant en geen Jood, hoewel zeker immer Semiet; en de Jood Lipman werd, als Katholiek, een der hechtste steunpilaren van het Christendom in ons Vaderland.

Wie dus der Joden zedelijke type wil schetsen, maakt er zich al te gemakkelijk af met den enkelen trek: »Semiet.quot; Neen! op den grond van der Joden aard ligt iets anders; de Jood is meer dan Semiet. Wij, Christenen, voelen niet in ons omgaan op het woord gt;afstammeling van Sem,quot; wat ons beweegt op den naam: »Jood.quot; De Semieten staan naast ons, de Joden staan ons tegenover, wij gevoelen het.

De grond van hun karakter ligt in hun gt;nationaliteits-idee.quot;

Dat idee had in het Oude Verbond een godsdienstigen zin; de Joden-natie was inderdaad het Volk Gods, de uitverkorene des Heeren, hun Jehova de éene en ware God.

Het Mozaïsme was dus eene heilige leer, en de joodsche Natie, wie het ten wet gesteld was, had recht haar nationaliteit als het gewijde pand des Heeren te beschouwen.

Dit wist de Jood, en wat buiten zijne Natie stond, noemde hij naar waarheid onzuiver en verworpen in 's Heeren oogen: hij was het volk der zegeningen en der beloften.

Dan, in den loop der eeuwen kwam Christus onder de zijnen: Hij, het middelpunt, waarom de geheele geschiedenis zich beweegt.

Toen werd het levensvraag voor het Joodsche volk: gt;Wie is de Christus ?quot;

En hun antwoord was de vloek der Pharizseen: sEen afvallige, een bedrieger, een verrader, een Beëlzebub: Weg met Hem!quot;

En het Christen antwoord werd: 1 Gezegend, die komt in den Naam des Heeren!quot;

Toen werd het levensvraag, zeggen wij: iWaar is het volk des Heeren?quot;

En de Jood antwoordde: »de Natie,quot; en de Christen: ïde Kerk.quot;

Zijn nationaliteits-idee derhalve stelde de Jood, als volk, het Christenvolk tegenover.

De hardnekkige dwaling der Joden, bij de komst van den Messias, bij de handtastelijke vervulling der Profetieën, laat zich verklaren uit hun diep verval bij Christus' komst; slaafsche naleving van een wet, waarvan hun priesters voor verre het grootste

ocr page 11

gedeelte den geest verloren hadden, weelde, zedeloosheid, woeker, in één woord, schandelijke ontrouw aan de leer der Vaderen hadden het volk en vooral de priesters ontaard, i)

Na Christus' Hemelvaart en na den Pinksterdag, zoodra de Apostelen de «nieuwequot; leer begonnen te verkondigen, bleek zonneklaar, wat de toekomst voorspelde.

Der Joden eerste indruk was verbazing en verwarring.

De genezing van den lamme, in het Evangelie verhaald, is er getuige van. Petrus, die het wonder verricht had, wordt voor de Joodsche priesters gedaagd. «In wiens naam handelt gijrquot; is hun vragen. Het fiere antwoord van den Apostel ontstelt hen. »Wat te doen? Het wonder loochenen kunnen wij niet, want geheel Jerusalem spreekt er van!quot; Het eenig antwoord was: verbod het feit verder bekend te maken.

Hier spreekt de hartstocht, het vooroordeel.

Een nieuw bewijs was de gevangenneming der twaalf Apostelen, op geen anderen grond geschied, dan omdat men niet juist zag, wat die »nieuwequot; leer in het schild voerde. Wonderdadig door God bevrijd, worden de twaalven opnieuw gevat, ter dood veroordeeld, maar door Gamaliel's kalme redenen gered.

De verbijstering der Joodsche priesters, hun angst en vrees treden hier in het volle licht.

De volgelingen echter van het gt;nieuwequot; geloof, de Christenen, allen bekeerde Joden, kwamen bijeen in de meer dan 400 synagogen van Jeruzalem; zij onderscheidden zich op het uiterlijk in niets van het oude Jodendom: de sbreking des Broodsquot; geschiedde in het geheim. 2)

»Maar de haat,quot; zegt Fouard, en dit woord is de sleutel der geheimen, gt;de haat der Joden ontstond, op den dag, dat zij in de Christenen een geheim streven vermoedden, om zich aan het juk der Synagoge te onttrekken.quot; 3)

Feiten staan hier, die dat woord getuigen.

Stephanus, die prediken durft, gt;dat Jezus van Nazareth den tempel zou verdelgen en de gewoonten der Wet veranderen,quot; is het eerste slachtoffer van dien haat en die woede.

Saulus' zwaard wordt om geen andere reden uit de scheede getrokken, dan om de verlaten Synagoge te wreken. 4)

1) Zie Fouard »Les origines de l'Eglise,quot; p. 60—70. Pleury: «Les Juifs et les Chretiensquot;

2) Fouard p. 83.

3) Fouard p. 84. Voor de volgende feiten: »Acta Apostolorum.quot;

4) Fouard p. 151.

ocr page 12

De eerste vervolging tegen de Christenen (37—40) had geen andere oorzaak.

En toen de hoofdman Cornelius door Petrus gedoopt was, en de Apostel, hoewel niet dan op Gods uitdrukkelijk bevel, den drempel des Heidens betreden, ja met dezen gespijsd had, toen kende de verbittering geen mate meer; dieper en dieper wortelde der Joden haat zich vast, tot de scheuring met de oude Synagoge rondweg verklaard werd, door de overplaatsing van Petrus' zetel naar Antiochië.

Weldra brandde Agrippa's vervolging los (42). De volle woede der oude Synagoge vlamde op al wat Christen heette. Het eerste offer was Jakobus, broeder van Joannes; zelfs Petrus zou onder het zwaard gevallen zijn, had niet Gods hand het verhoed.

Wij hebben het tafereel der eerste Christenjaren hier in de groote lijnen geteekend, opdat van onze gedachte te duidelijker de waarheid mocht blijken. De opvatting die de Jood van zijn natie heeft: de uitverkorene Gods, ziedaar inderdaad de grond van der Joden karakter.

Vandaar dat, sinds het eerste oogenblik van hun bestaan, de Christenen het voorwerp van der Joden haat en verachting waren, vandaar, dat zij het bleven alle eeuwen door. De Jood beschouwt ons als indringers, als bedriegers, als het volk van vervloeking, gelijk hij den Christus een wet verkrachter, een godslasteraar, een duivel geheeten had.

In 135 door het geheele Romeinsche Rijk verspreid, verliet de Joden de idee hunner jnatiequot; nimmer; hun haat, hun woede, hun verachting der Christenen verliet hen evenmin.

De godsdienst treedt dus in der Joden karakter op den voorgrond: de Jood haat ons vooral als Christenen, onvergelijkelijk meer dan de Semiet ons als Ariërs afgekeerd is.

Hun smeulende veete, dikwerf in laster en vervolging uitbarstend, 1) sloeg eindelijk in laaie vlammen uit, en de Jood over alle Europa's Rijken verdeeld, herstelde zich als volk onder een nieuwe wet.

Wat voorheen een heilig verbond was, werd thans een fanatiek stelsel; voorheen waren zij het volk van God, thans werden zij het volk onder, maar tegen den Christen: de natie tegen de Nieuwe Leer, de Joden-bond, die de gelederen samensloot tegen den Christen, om dien gevloekte te bekampen, dat ras van godloochenaars, 2)

1) Zie onder anderen Theophanus Chronogr. An. 5817, p. 19.

2) Van hun jehova, gelijk zij dien aanbaden.

ocr page 13

die dieven van dei Natie eer en naam,......... i) en de geest van

eeawen werd tot de fijnste bijzonderheden uitgedrukt, in den Talmud.

Vandaar dat de Talmud geenszins een opgedrongen wetboek is; het is in ronde en duidelijke woorden de uitspraak van wat ieder echte Jood vaag en onbestemd tegen den Christen in het hart droeg: haat, verachting, verpijnde woede bij den bloei van Christus' Kerke, in e'én woord zucht naar rernedering van dat nieuwe Gods-volk, streven naar herstelling van het oude.

Toen ontstonden de Joden, die men gt;Talmudistenquot; heet.

De Talmud is het geheel der verklaringen, aanteekeningen en bijvoegsels, die door de Rabijnnen als wet aan het Oude Testament zijn toegevoegd. 2)

Als wet, — en de Talmudisten hebben hun naam aan dien Talmud ontleend.

De Talmud bestaat uit twee deelen. Vooreerst iMischnaquot; 'twelk beteekent gt;tweede wet;quot; dit deel werd in de tweede eeuw te Tiberias, in de groote Rabbijnenschool, en te Sora bij Babyion samengesteld: de Rabbi Juda 3) is er de hoofdbewerker van. Vervolgens iGemoraquot; (Gemara) dat is gt;a a n v u 11 i n gquot;; in de vijfde eeuw door den Rabbi Asser begonnen, werd dit deel in de 6de eeuw voltooid.

sMischnaquot; is in het Hebreeuwsch, »Gemoraquot; in het He-breeuwsch en Chaldeeuwsch geschreven.

Ziedaar het wetboek der Talmud-Joden.

En thans spreken wij niet van den Talmud, die door de Joden, voorzichtigheidshalve, (gt;a d usum christianoru mquot;) »ten ge-bruike der Christenenquot; in het licht werd gegeven, sinds de ernstige studie van Hebreeuwsch en Chaldeeuwsch zich in het Westen meer en meer verspreidde, — maar wij hebben het over den ouden, echten Talmud, gelijk onze Rabbijnen dien nog kennen en volgen, gelijk de Talmudisten hem, door de Rabbi's ingelicht en geleid, door alle eeuwen hebben nageleefd, en nog in onze dagen als wetboek erkennen. Wij nemen den Talmud, zeg ik, gelijk deze in 1520 te Venetië uitkwam 4), en in 1600 te Amsterdam herdrukt werd;

1) »Volk des Heeren.quot;

2) Voor de volgende bijzonderheden zie; Dezobry et Bachelct »Dictionnaire his-torique et géographique;quot; Bouillct «Dictionnaire de Biographie;quot; Berg Ier «Dietion-naire théologique,quot; etc.

3) Door de Joden genoemd »de heilige;quot; dit toont hoe hoog zij den Talmud schatten.

4) 12 Deelen in folio bij Bamberg.

ocr page 14

— lo

den Talmud, door Chiarini in 1830 vertaald 1); den Talmud, door den Ridder P. L. B. Drach, bibliotecaris te Rome, in de Fransche taal overgebracht; den Talmud in Latijnsche overzetting, berustend te Parijs 2), — eene overzetting, die het gt;0 verzicht der Joodse he Studiënquot; gedwongen werd als echt te erkennen. 3) Y

Gij zult toch, hoop ik, niet gelooven, dat de Talmud-joden htm leer veranderd hebben, sinds de Christen de Oostersche talen begon te bestudeeren; gelijk zeker het Christendom veranderd zal worden als de Chinees onze Westersche talen zal kennen!.......

Dit is al te onnoozel! —- Neen! die leugen-uitgaven zijn alleen in het licht gebracht, om ons zand in de oogen te strooien!.....

Slaan wij derhalve den waren joodschen Talmud open. Christenen. Leest met mij: 4)

Verhandeling Baba-Metsigna, folio 114:

»In Ezechiel (XXXIV. 31) zegt de Heer tot Israël: En gij zijt de schapen mijner weide, gij zijt mensch; dat wil zeggen, gij hebt de hoedanigheid van menschen; maar de natiën der wereld hebben de hoedanigheid van mensch niet^ maar van het redeloos dier.quot;

Hoofdstuk Sahanderim, blz.. 58: 5)

jDe afgodendienaar (de Christen) die een dag der week heiligt,

verdient den dood; God heeft immers gezegd: gij zult dag noch nacht rusten. Hij zou deze straf beloopen moeten, zelfs al rustte hij op een anderen dag dan op den Sabbath. De afgoden-dienaar 6)

die den Bijbel leest, moet eveneens den dood sterven, want de Bijbel is slechts voor de Joden.quot;

Thalmud. Ürd. I. Tract. I. Dist. 4;

gt;Wij bevelen^ dat iedere Jood driemaal daags bidde voor de al-geheele uit delging der Christenen en van hun God, dat zij de uitroeiing vragen van dat ras en van hun vorsten en prinsen; wij bevelen vooral aan de Joodsche priesters, dit gebed te storten driemaal daags in de Synagoge, uit haat tegen Jezus van Nazareth.quot;

Thalmud Ord. I. Tract. I. dist. IV.

ïGod heeft den Joden opgelegd, den Christenen hun goederen te

1) Te Rome in het licht gegeven.

2) Drumont, II. 320.

3) »Revue des Etudes Juives.quot;

4) Naar de vertaling van Drach; wij zetten letterlijk over.

5) De Fransche vertaling is goedgekeurd door den rabbijn Vakoub-el-Antabi; wij houden ons aan den letterlijken tekst.

6) Uit dezen zin blijkt, dat de Jood alle Christenen als afgodendienaars beschouwt.

ocr page 15

ontnenien, op welke wijze ook, 't zij door list, 't zij door geweld, woeker en diefstal.quot;

Thalmud Ord. IV. Tract. 8.

iHet is den Joden bevolen in de Christenen slechts redelooze dieren te zien en hen als verachtelijke beesten te behandelen.

Thalmud Ord. IV. tract. 8. dist. 2: (1)

sLaat de Jood den heiden goed noch kwaad doen, maar laat hij alle pogingen aanwenden 011 de aarde van Christenen te zuiveren.quot;

Excerpta Thalmudica. Bibl. nat. (Parijs) ms. 16558, latijnsche vertaling, die als echt erkend werd door de »Revue des Etudes Juivesquot; zelve:

»Men kan en moet den besten ^Goyquot; (dat is Christen) dooden.quot;

»Het geld der tGoymquot; is gestolen van de Joden; dus het is vergund, hen te bestelen en te bedriegen.quot;

Hoor thans een der bij de Joden meest gevierde uitleggers van den Thalmud: Maimonides. 2)

Verhandeling over den moord, hoofdst. II, art. 14:

gt;Als een Jood een inwonend proseliet vermoordt, kan het gerecht hem niet veroordeelen; want in de Wet staat (Exod. XXI, 14): gt;Indien iemand zich tegen zijn naaste verheft, — en deze is onze naaste niet. 't Is dus overbodig te zeggen, dat men geen Israëliet kan veroordeelen, omdat hij een gt;Goyquot; (Christen) gedood heeft.quot;

Verhandeling over de besnijdenis. Hoofdst. I. art. 6:

gt;Alwie een gt; G^y'-slaaf koopt, moet hem dwingen tot de zeven geboden die den Noachiden (kinderen van Noé) opgelegd zijn; weigert hij, men doode hein onmiddellijk.quot;

Ziedaar de haat, de Christenverachting met de duidelijkste en fijnste trekken geteekend; ziedaar waartoe de Jood in den loop van eeuwen komen moest.

Wie meer over deze zaak verlangt te weten, leze het werkje van een bekeerden Rabbijn: «Ruine de la religion hébraïque,quot; uitgekomen te Napels in 1806 bij Giov. Georgio. 3) Deze schrijver geeft drie hoofdoorzaken op van de vele moorden, door de Joden op de Christenen gepleegd: vooreerst hun haat tegen de

1) Vergelijk de «Prompta Bibliothecaquot; van L. Ferrari.

2) 12 eeuw; na zijn dood hielden de Joden een trenrjaar; hij zuiverde den Talmud en maakte van de Wet een verstaanbaar geheel. Zijn «Commentaria» op den Thalmud hebben kracht van wet bij de joden. (Aangehaalde schrijvers p. 9 noot 2.)

3) Hoewel de Joden alle pogingen aanwendden om dit boek te vernietigen, hebben toch eenige afdrukken hun woede overleefd. De Italiaansche vertaling verscheen in 1833. —

ocr page 16

12

Christenen, i) ten tweede sommige bijgeloovige plechtigheden, waarbij zij christenbloed gebruiken; 2) eindelijk het vermoeden, dat Jezus de ware Messias kan geweest zijn: daarom besproeien zij zich met het bloed zijner volgelingen.

Dezelfde Rabbijn haalt een woord aan van een anderen, Salomon: iledere Jood moet één Christen dooden, om zich aldus xijn zaligheid te verzekeren.quot; 3)

Ziedaar dus de Talmud-Joden. 4)

Dan, de vraag bleef, hoe die natie tegenover de Christennatie, welke feitelijk de wereldmacht droeg, hoe die natie, in de massa der volken verbrokkeld, eenmaal de groote plaats, die haar als Gods uitverkorene toekwam, onder de volkeren hernemen zou.

Het antwoord was de Messias^ de beloofde Verlosser.

Christus echter, de ware Messias, was geloochend.

Welken stelde nu de Talmud?

Hoor den bekeerden Rabbijn Lehman zeiven: 5)

»Na den Christus verworpen te hebben, ontstond onder de Joden »een onbeschrijfelijke spanning: de verwachting van den Gezant »des Heereu. IJdele hoop! De jaren vervliegen, maar geen Redder sdaagt op! Wel klampen zich de Joden radeloos nu aan dezen ïdan aan genen vast, wel noemen zij tot vijf-en-twinting maal den

»man van verwachting......6) maar al die namen gaan voorbij,

»en hun voet laat zelfs geen spoor in het stof; Israel blijft verne-»derd. Wel dwingen en wringen de Rabbijnen de Danielisch; voor-»zeggingen tot den onrnogelijksten zin..... ieder aangeduid tijdsstip breekt aan, en de vervulling der hope blijft uit.

«Dan slaat de angst den Joden om het hart, wanhoop maakt zich »van hen meester. De Rabbijnen vloeken hem, die nog van de »verschijning des Messias' durft spreken.

»Alle tijden, die voor de komst des Verwachten bepaald waren zijn verstreken,quot; zegt Rabbi Rava;

1) Enkel uit haat vermoordden de Joden in 1812 de Fransche gewonden, die op de Russische velden achterbleven. [Thiers «Histoire du Consulat et de rEmpire quot; T. XIV.)

2) Vergelijk Nr. VIII van dit geschrift, «'t Is wonder, zegt de Talmud, hoe aangenaam het bloed der christen maagden nan God is.quot;

3) Raadpleeg nog: Relation historique des affaires de Syrië, 1840-42 par Ac kille Laurent: «Lettres sur la question dusure,quot; Drach; »Affaire de Mortara,quot; l'cuillot, Mélanges 1859.

4) Vergelijk: Rupert «l'Eglise et la Synagogue;quot; Toussenel »les Juifs Rois de 1 époque;quot; jacques de Biez »la question juive.quot;

5) Drum out I. 126.

6) Zie Drumont I. 121: hij noemt ze allen met het jaartal.

ocr page 17

5Gevloekt zij, wie den tijd des Messias' durft vermoeder,'' spreekt de Talmud;

«Dat hun beenderen breken.quot; voegt Rabbi Jochanan er bij.quot; —

De Persoon van den Messias was geloochend; van den anderen kant moest gt;de natiequot; verrijzen uit haar eeuwenlangen slaap, en den wereldschepter hernemen, — de Messias werd eene Idee.

En die Idee was de nieuwmodische God der Vrijmetselaars; nde menschheid.quot;

Het uur van het hedendaagsche Jodendom was daar.

Toen stond de Rabbijn Weil op en verklaarde uitdrukkelijk: dat de profetieën nimmer van een persoonlijkeu Messias gewaagd hadden. »I)e ware Verlosser,quot; sprak hij, izal wezen niet een mensch maar Israël, den volken ten baken gesteld, verheven tot leermeester der menschheid, die hij onderwijzen zal met zijn schriften en geschiedenis, onderrichten door de volharding in zijn beproevingen, niet min dan door de getrouwheid aan zijn leer.quot;

De Rabbi van Besangon valt hem bij: stiet Joodsche dogma van den Messias is de nmenschheid als ideaal.quot;

En het Joden-Congres, in 1869 te Leipzig gehouden, stemde met deze uitspraken plechtig in.

Was dus voorheen hun gt;nationaliteitquot; de grondslag van der Joden karakter, de verklaring hunner houding tegenover den Christen, — waren zij de «natie,quot; die als Gods-volk het bastaardvolk haatte en verafschuwde 1), de »natie,quot; die door een te wachten Messias den Christen zou verpletteren, — thans is die natie zelve einddoel geworden; de «menschheidquot; moet Jood worden, Israël moet als wereldrijk verrijzend, den heerschersstaf zwaaien over de Christen volken. De Joden zijn de zendelingen der Godheid onder de volken, die als afgodendienaars, als indringers in de Keurbenden des Heeren, als verradeió van Jehova, met de kracht nller middelen, met bedrog, list. woeker, diefstal, onder Israels juk moeten worden gebracht.

De ontwikkeling van het vervalschte nationaliteits-idee tot dit ideaal van »Joodsche menschheid,quot; is het logisch gevolg van den haat, den afschuw der Joden van al wat Christen heet. — gelük de Talmud de zuivere vertolking was van het onbepaald gevoel, dat iederen Jood jegens den Christen bezielde.

Op den Jood dus als natie rust de schuld 2); tegen den Jood

1) Balrnez. «Protestantisme et Catholicisme,quot; t. III.

2) Bonald, »le Juif,quot; p. 27.

ocr page 18

als Jood is onze «waarschuwing aan den Christenquot; gericht.

In het Christen-oog is het Joodsch karakter dan ook verfoeielijk, de Talmud een gruwel, het Nieuwere Jodendom de ergerlijkste godslastering. Dat moderne Semilisme heerscht tegenwoordig oppermachtig in Frankrijk, en min of meer in geheel Europa.

Maar, laat het waar we/.en, dat de hedendaagsche Jood onder den invloed der Vrijmetselarij tot de wijziging van zijn oud begrip van Messias kwam, laat het waar wezen, dat eerst de Talmud den Jood zijn godvergetene, anti-christelijke wetten voorschreef, — toch is het valsch, dat de hoofdschuld op de Vrijmetselarij of de Rabbijnenschool van Tiberias zou rusten, want Vrijmetselarij en Rabbijnenschool deden niet meer dan de uitvoering mogelijk maken van den hartewensch, door iederen fanatieken Jood gekoesterd i): vernedering, kwelling, vervolging van den vGoyquot; ten bate van de Semitische «natie.quot;

De Jood dus, als Jood, is de schuldige.

Welk een karakter in de Joden sinds Christus!

Hebt gij hem u ooit met offervaardigheid voorgesteld, met den adel van geloof, hoop en liefde? Ts het denkbeeld sjoodquot; niet bij alle natiën met de trekken van verrnnd, sluwheid en zelf/ucht ge-teekend? Hebt gij ooit arm zijn eerewoord geloof geslagen, herr

ooit een geheim des hnrten toevertrouwd?......

«God heeft de Joden geschapen om spion te zijn.quot; heeft een man gezegd, wiens blik zich zelden vergiste: Bismnrrk. Verre de meeste spionnen van 1870 waren dan ook joden; dit is bekend. 2)

1) In ons besluit zullen wij de weinigen aangeven, die moeten uitgezonderd worden,

2) Vergelijk de *Nordt» 19 Aug. 1870: «Illustration* 27 Sept. 1873, .

ocr page 19

— ÏS —

De arglistige staatsman Cavour had voor trouwsten dienaar een Jood, Art om; hem werden de neteligste stukken toevertrouwd, en Cavour zelfs moest bekennen, dat de sluwheid van dien man hem verbaasde, i)

Wilt ge een bladzijde uit de kronieken der Joden ? 2)

De Jood Sedecias vergiftigt Karei den Kale; Mcire Karei VII van Castilië; de Raad der Tien neemt in 1477 het voorstel der broeders Salomoncini in overweging, om Mahomet II fe doen vergiftigen door den Joodschen dokter Valcho 3); de Jood Lopez, dokter van Elizabeth, wordt opgehangen omdat hij zich aan Spanje verkocht had 8); de Jood Lewis is spion van Talleyrand in Engeland 5); de Jood Michel wordt geguillotineerd, omdat hij aan Rusland krijgsplannen had verraden. Een andere, Goldsmith, steelt in 1882 de stukken van den Duitschen Staf. Wie weet niet wat rol la Paiva vóór den oorlog van 70 speelde; la Kaulla was eene Jodin; Kuntz, die generaal Hicks verried, was een Jood; Adler was een Jood, Guimont was een Jood. Naquet die den Duitschers het

geheim van het Fransche kruit verried, was een Jood....... Waar

te eindigen!......

Er is geen mensch ter wereld die zich den Jood oprecht, eerlijk, ridderlijk en trouw denkt.

En toch, — 't mag wonder heeten. — men laat zich algemeen, ook in Nederland door hun guichelspel begoochelen, door hun brutaliteit overbluffen.

Wat is indertijd der Joden antwoord geweest, op de verpletterende akte van beschuldiging tegen hen ingediend met de tFrance Juivequot; van Drumont? — Wat is het antwoord geweest op dat boek, dat in zijn 150 oplagen van minstens 50000 exemplaren het eerste getuigenis aflegde, hoezeer het Christelijk Europa zich de Joden-quaestie aantrok, op clat boek, dat in gelijke mate de Joden de vrees om het hart deed slaan bij de gedachte, dat hun wereldmacht bedreigd werd? —

Hokus pokus, en de argelon/e goede Christengemeente was weer izoetquot; gemaakt!

De baron Alphons de Rothshilrl, en Vrouwe de Baronnesse en

Dnnuovt, T. I. p. 66.

?) Drumont, T. T. p. 66 en volgenrlo. P. dr Mordrlcinc, I. etc.

3] Na lang ontkennen, moest de »Revue des Ktudes juives» dit feit toegeven aan den heer de Maslatie.

4] Vergelijk «Histoire de Philippe 11» }-'orneron.

5] «Departement du ministère d'affaires étrangères pendant la Revolutionquot; Fred. Mas so ti. ;

ocr page 20

zijn broeder en diens Vrouwe en zijn neef en zijn achterneef enz. enz. enz., gewaardigden zich hun paleizen te verlaten en af te dalen in de lokalen veler Kuropeesche badsteden.

Scheveningen werd niet vergeten, — heel Europa wemelde van Rothshiids. En toen werden de beurzen geopend, en stopten de gt;hoogequot; Joden den Christenen met tientjes den mond dicht; en eerst door de liberale, dat is de Jóodsche, daarna door de Christelijke, ja door de katholieke bladen van Frankrijk, Duitschland, België en Nederland, werden dithyramben aangeheven op de nooit

volprezen edelmoedigheid van de Rothshiids jegens de Christenen.....

en hokus pokus de zaak was weer gezond 1

Men noemt overal den Jood sluw en valsch en niemand gelooft er in de praktijk aan, want ieder op zijn beurt loopt in den val van dezen zijn aarts-vijand.

Al genoeg over hun loosheid en laagheid van ziel; — nog eens, geen Christen, die er aan twijfelt, — mochten wij ook diensvolgens handelen!

Hun gouddorst i) is spreekwoordelijk, en zit hun in het bloed; hun -rechtquot; is diefstal, hun recht hun oplichtquot; 2); 't is een soort bezigheid als een andere. Christenen te vermoorden en te bestelen 3), dat werk heet *de groote soulassequot; 4). Zij zorgen dus slechts uit de handen van het gerecht te blijven, en verder kuipen en rooven zij naar hartelust. Wij vragen in ernst, met Drumont: Waarom het hun ten kwade geduid, zoolang men niet hun geest tegenwerkt, die hun ingeeft, aldus te handelen, zoolang men weigert de oogen

1] Ord. I tract. T dist. TV zie boven.

2] No I van dit werkje.

3] 't Was zoo door alle eeuwen heen. Vergelijk Brief vnn den Prins dor Joden te Constantinopt-l aan Chamora Rabbijn te Arles 1480; la Royalle couronne du roys d'Arles» Bonis.

4] Drumont ^ 1 73. Zie eenige bladzijden verder.

ocr page 21

te openen en niet een man van gezag te erkennen: »De Joden

zullen nooit burger zijn in een Christenstaat, tenzij zij Christenen wordenquot; i).

Is het Jodendom dan niet onbestaanbaar met de Christen maatschappij? Hoe tyranniseeren zij den Christen met de macht van het geld 1

In 1818 reeds schreef de «Quotidiennequot;, dat geheel de Elzas geruïneerd zou wezen als de Joden op een oogenblik daar alle rechten deden gelden, die zij op huizen en landerijen hebben; zij hadden voor elf millioen hypotheken in handen 2).

Eenige jaren te voren had een ander dagblad eveneens op het gevaar gewezen, dat de Christenen van den kant der Joden bedreigt 3).

gt;De boeren.... kunnen slechts bij de Joden leenen.... Zij regelen

de beurzen van Londen, Hamburg, Arasterdam en Leipzig..... Het

is bewezen, dat. vooral sinds 1706, geen klas van menschen verderfelijker was voor het Duitsche Rijk dan de Joden 4). Zij zijn het, die door hunne valsche bankbiljetten en hun v:dsch geld die vreese-lijke duurte hebben veroorzaakt, waarvan zij alleen de voordeden genieten. Er zijn geen grenzen denkbaar voor den Joodschen woeker.

De gerechtsstukken getuigen, dat van de twaalf schelmstukken, die op de Leipziger-Mis bedreven worden, de Joden in elf betrokken zijn.quot;

Hetzelfde getuigt Lacretelle 5), die vooral de laagheid enverdoi-venheid der Joden in het licht stelt.

Maxime du Camp heeft hun woeker en bedrog geschetst 6); hij betaalde die stoutheid tijdens de Commune.

De ïGauloisquot; van 1871 teekent der Joden zwendel na den oorlog.

Eudel 7) heeft der Joden vervalschingen en kuiperijen ten toon gehangen; Eisenmenger hun diefstal en moord 8).

De gemiddelde toelage van een Rabbijn bedraagt, naar Drumont,

1] dc Bon aid «Ie Juif» p. 22

2] lïalviez «Prot, et Cntli.» «Association Catholique 1882.»

3] «Publiciste» 11 Oct. 1806. 't Is of de man in 1891 schrijft' Zie ook Revue du monde Cathol. April 1889.

-l) Zie ook in dit geschrift, No Vil passim.

5) fn de «Merenre.»

6) «Revue des deux Mondes» 15 Jul. 1867.

7) RudeI Le Trnquagex).

8) l'iscnvicnger, «Judaisme drvoilr,^ Deze hoogst mn at schappelijke bedrijven hcetcn bij dc Joden «Korban.»

ocr page 22

1250, die eens Protestanten geestelijken iooo, eens Muzelmanschen priesters 800, eens Katholieken 450 gulden; wij vragen waarom?.... Uit alles slaan de Joden geld.

Zij waren nauwelijks met veel moeite meester geworden van de »Vereeniging der kunsten toegepast op de Nijverheid'' of die Ver-eeniging wordt een bank. Bij de eerste tentoonstelling, die Proust geregeld had, kwamen 80.000 francs te kort.... 't is wonder! 1)^

Dievenbenden zijn menigmaal bij de Joden gewone handelshuizen die zich met elkander verstaan tegen den »Goy,quot; zulk ééne is

onder andere M...... A...... en C0 Londen, telegram-adres M.....;

dit blijkt uit de brieven dezer firma en hun verstandhouding met Joodsche dieven. 2)

De Joden komen trouwens rondweg voor hun bedrijven uit. Maxime du Camp is er getuige van. Een Jood, Cornu, antwoordde alsof het een partijtje smousjassen gold, op de vraag: »Wat is uw bezigheid ?quot;

gt;Altljd de groote soulasse, altijd de groote soulasse.quot; 3) De igroote soulassequot; is Christenmoord, gevolgd door uitschudding.

Leon Say is in Frankrijk groot geworden door het goud van Rothschild, wiens werktuig hij is onder de Protestanten. 4)

De groote banken van Pruisen, Oostenrijk, Frankrijk en Hongarije zijn in Jodenhanden; de spoorwegen, 5) de groote maatschappijen eveneens. Vergeefs beproeft men zich aan hun tyrannic te ontrukken. En waar zij geheel meester worden, daar slaan zij tot zulke schaamtelooze en gruwelijke stukken over, dat de Christen er nauwelijks een denkbeeld van heeft. Open de geschiedenis slechts van Cyprus, Maltha en Algiers. 6)

De groote Schorlemer-Alst heeft het in 1882 luide in den Rijksdag verklaard, dat dc boer geheel onder den druk van den loden-woeker is. 7)

Ziehier eene statistiek van 1861: 8)

In Berlijn zijn 550 Joden tegen 92 Christen-bankiers; in Breslau

1) Drumont II. 134. Zie No. VTII.

2) Drumont II. 71.

3) Drumont I, 73.

4) «Association Catliolique» 1882. Drumont T. 165, 327 vooral 462.

5) De Joden namen de «Chemins de Fer du Nord» aan in Frnnkrijk; hieraan verdienden zij eenige honderde millioenen. Vergelijk: Revue du monde catliolique 1889 over de Joden in Duitschland.

6) I far dien «Histoire universelle» tome VII.

7) Is bet in Nederland beter?

8) Markies de Ségur-Lamoignon.

ocr page 23

212 groothandelaren Jood tegen 30 Christen. In hetzelfde Berlijn waren in 1861 13911 kooplieden, waarvan 4619 Joden: en toch maakten de Joden zeker geen veertigste deel der geheele bevolking uitl In geheel Duitschland moesten naar betrekkelijke berekening, 80.000 Joden landbouwers wezen: men telde er slechts 643; de overigen schacherden, woekerden, zwendelden. Sinds dien tijd, voegt de schrijver er bij, zijn de verhoudingen in ons nadeel minstens verdubbeld. 1)

De Jood is niet slechts de tyran van het geld, hem gehoorzaamt nog een ander machtig element onzer eeuw: de Pers. Hij schrijft weinig, maar hij laat schrijven 2), en hij dwingt de openbare meening tot zijn voordeel.

Ziet Frankrijk, — maar 't is zeker onder anderen in Oostenrijk Italië, Duitschland niet beter. De Fransche pers is eigendom der Joden 3); alle groote bladen, de gt;Univeisquot;, de »Unionquot;, de gt;Ga-zetle de France,quot; de Monde,quot; en misschien nog een of ander, uitgezonderd, worden door hen bestuurd. De »Voltairequot; is van de Joden Lafitte en Strauss; de «Lanternequot; van Mayer, 4) de gt;l\.é-publique Frangaisequot; was van Gambetta 5) en thans van een ande-

t) Dit moge voor een vlugschrift volstnan; wie meer feiten begeert, raadplege Dniwonl, de Saint-Avdré «Frane-Maeons et Juifs», Tousscucl, en de Revue du monde eath. April 1889.

2) «:Association Catholique» 1S82 No 3, «Revue du monde Cathol. April 1889.

3) Drumonl, 1. Jquot;. de Magdeleine I.

4) Zie voor de schurkenstreken van dezen Mayer: Drumont II p. 199. «Journal ofticiel» 2 ]ul. 1879. Gerechtelijke stukken van het hof van Valenciennes 20 Aug. 1870. Over den laster der rLanterne» (b.v. 14 juli 1883 tegen den officier deVaul-grenand) Drumont 11 200—201.

5) Was Gambetta Jood? - Van Joodsche afkomst zeker. De Wurtembergsche jood Gamberlé was zijn grootvader; Gambetta's vader bekeerde zich; was het ernst? Wij gelooven ja. Maar de zoon werd de eerste Joden-Keizer. Drumont noemt hem overal: de jood Gambetta. Bismarck deed eveneens in i88q te Berlijn. «Ik verwonder mij zeide hij dat de Joden van den Parijschen gemeenteraad den Semiet Gam-

ocr page 24

ren Jood; de gt;Rappelquot; van Meurice; de gt;Parisquot; van Weill Picard; het sJournal des Débatsquot; van Raffalovisch; de »Tempsquot; van Schiller enz. Wolff is het orakel der letterkunde in de gt;Figaroquot; Meier in zijn jGauloisquot; de eeuwige waarheid der onkreukbare politiek; 'tis den laatsten toevertrouwd! Van zijn familie zijn er vier voor diefstal en misbruik van vertrouwen veroordeeld i); meent gij, dat het onzen Redacteur blozen doet?.... De Jood Weill-Picard liegt het publiek voor, waar het zijn vriend den Jood Gara-betta kan baten; een ander durft zijn lezers diets maken, dat Ferry zijn paleis in de Rue St. Georges niet gekocht had; 't was immers al te duidelijk dat die katoenkoopman niet op eerlijke wijze plotseling de schatten had kunnen vinden, waarmee dit prachtige gebouw betaald was 2); men heeft de verkoopakten 3) slechts over te leggen als logenstraffing dezer verregaande brutaliteit; maar de goede gemeente bleef misleid.

Iedere dag brengt nieuw bedrog aan het licht in de krantenwereld. De politiek is verdraaid, de beursverslagen liegen 4), de rechtszittingen zijn vervalscht, het nieuws wordt willekeurig verzonnen, de beoordeeling van tooneel en letterkunde doelt alleen op de ontzedelijking van het Christen-volk; met de lasterlijkste aantijgingen wordt de gosdienst vervolgd; geld is der Joden eenig beginsel geld en de triomf van de «natie.quot; 5)

Zij stonden voor niets, waar het gold de Pers te bemachtigen. De gt;Gauloisquot; werd door Gambetta gedwongen binnen 24 uur van kleur te veranderen; toen drong men haar tot bestuurder op den verbannen Russischen Jood Elias de Cyon, dien het transche Gouvernement welstandshalve met de ridderorde begiftigde. 6)

Dezelfde Gambetta belaagde het gt;Petit-Journalquot; en diens schrijver Escoffier. De redacteur der sRéformequot; werd in 1882 aan de deur gezet door Waldeck-Rousseau.

De schrijver van het dagblad de »Anti-Semietquot; wil een werkje tegen de Joden in het licht geven; Hachette weigert den druk; gelukkig belast een ander uitgever er zich mede. Maar zie daar

betta nog niet tot eereburger benoemd hebben; 't is misschien uit beleefdheid jegens van Moltke en mij nog niet gebeurd; maar zij bedriegen zich; de Semiet Gambetta zou ons als eerebnrger ;'eer vermaken.»

t) Dnunont ii p. 203—20S.

2] 540,000 franc (260,000 gulden.)

3] «l'etites affiches» 10 Sept. 1S84.

4] Alle zijn door de joden betaald behalve in de l'nivcrs. O trouw!....

5] Druinont 1. c., bewijzen geeft hij bij tientallen.

ó] Drumont l. p. 196.

ocr page 25

wordt, hoe wonder, eensk'aps onzen schrijver zijn huur in de Rue de France opgezegd. De post doet de afdrukken van zijn boek verloren gaan. Ten einde raad doet de man den geheelen stapel aan zijn boekverkooper over, en weinige dagen later worden alle exemplaren in eens opgekocht; het boek is de wereld uit.

Deze man bracht het er nog goed af: Sommigen vergaat het slechter! Vervolgd van stad tot stad, stierf de Christen Petrus Borrel, die de waarheid over de joden gezegd had i), van uitputting te Algiers: een uitputting echter die veel van vergiftiging had. De Joden kennen dit middel sinds de saqua toffanaquot; hun zoo uitstekende diensten bewees 2). Zóó ver gaat de Jood, als hij meester is!

Vraag naar het «Judaïsme en Francequot; te Stuttgart verschenen in 1872: het is niet te vinden.

Vraag naar de s Refutation de la religion Juivequot; die in 1803 het licht zag: het boek bestaat bijna niet meer, voor zoover men weet 3). Den Jood is de groote Pers onderworpen 4): hij heerscht er over met zijn geld, en hij speelt met de openbare meening: het hartstochtelijk geschreeuw der geheele bent slaat als een man uit tegen ieder, die voor eer en recht de stem verheft!

Is het geen gt;edele daadquot; den t Goyquot; te bedriegen?

Vraagt gij, hoe de Christen zich aldus knevelen laat?.... Lezer, treed met mij dit huis binnen. Daar zit een vader, omringd van een talrijk huisgezin. Zal hij het prijsgeven om zijn blad, zijn boek den Jood niet in handen te laten komen: den Jood die hem schatten aanbiedt, die zijn lot in handen heeft?

En hoe velen, die den verrader niet kennen!.... 5)

In den kaat tegen het Christendom, daarin alleen kan de verklaring gevonden worden van der Joden eeuwen lang streven naar omverwerping der Christen-maatschappij, daarin alleen het laatste woord over hun gewetenlooze bedrijven.

ij In een artikel in het «Journal du Commerce» Juli 1845.

2] Drumont lï, 2SS, I, 178. 179, 180. /ie blz. 26 van dit geschrift.

3] Zie ook van dit geschrift p. 13. Noot 1.

4] N'iet slechts in Frankrijk maar ook in Duitschland. Zie Revue du Monde Cathol, April 18S9. In Oostenrijk en Italië is het niet beter, en elders?....

5l Zie over den toestand der Pers in Duitschland, die ook gckecl onder Joden-invloed staat: «Revue du Monde Cath, April 1889: enz,

ocr page 26

V.

Hun natie moet over de Christenrijken regceren, — en daar staat het Jodenverbond, de gt;Alliance-Israelite, i)

't Is de rcuzenzuil hunner macht.

De meester van dit bewonderenswaardig stuk is de Jood Levy Crémieux, dien wij straks nog meermalen de eer zullen hebben te ontmoeten. Hij aarzelt niet zijn .Israëlitisch verbondquot; ^hetschoonste werk der nieuwere tijden'' te hecten; zeker is het de triumf van den Joodschen geest.

De »Alliance Israélitequot; werd in Juli i860 opgericht te Parijs. Ieder Jood kan er lid van worden, tegen een jaarlijksche storting van zes frank (bijna drie gulden.) Haar raad telt zestig leden, haar middelpunt is Parijs. Twee raadsleden wonen in Nederland 2).

Over de geheele wereld zijn andere Jodenbondjes met dezen reuzenbond vereenigd 3). Het doel dezer heilige maatschappij is algemeene samenwerking tegen den Christen, en daarom op de eerste plaats geld; geld, waarmeê de Jood den armen broeder helpt opkomen, en den rijke schatten op schatten stapelt.

Scholen stichten voor Joodsch onderwijs, Joodsche talenten voorthelpen 4), Joodsche armen ten koste van Christen-rijken voorzien 5), Joodsche misdadigers de hand boven het hoofd houden 6), de Joden zijn immers in het oog van hem, die ons als godslasteraars, en verraders beschouwt, geen misdadigers, al hadden zij een Christen moeder met zes kinderen vermoord, — ziedaar het edele doel dezer heilige en waardige vereeniging.

Het Oosten dankt haar 36 Joodsche scholen met 7000 leerlingen, in 13 jaar traden er 250 igevormdequot; Joodjes uit; armen verwierf .de Alliancequot; ambten en schatten, schurken vrijspraak en aanzien 7). in één woord dat werk is gelukt, en de verrukte Crémieux had recht om triumfantelijk uit te roepen .De Alliance is een Joden-Alliance^ ziedaar waarom zij geslaagd is!quot;

1] Zie onder anderen: Drumont II p. 54—67: 7- de Magdeleinc I 60; de Samt Aiidré «Franc Masons et Juifs». Chabauty «Juifs et Franc Masons.»

2] Drumont II p. 56—57 geeft de namen aller raadsleden.

3] In Frankrijk. Oostenrijk. Turkije, Amerika, Nederland enz.; meerdere loges.

4] Een staaltje in de «Autographes des Crémieux.»

5] Drumont II p. 64.

6] Drumont II p. 61.

7j Drumont II p. 71.

ocr page 27

— 23 —

In samenwerking met deze machtige broederschap — vergeef mij het woord! — ontgoochelt de Jood Hirsch aan de Christenen een millioen, en hij stort het ter stichting van scholen in de welvoorziene gt;Alliancequot;-kas.quot; i)

De Tood Bischoffsheim ontlokt der Pers een dithyrambe op zijn menschlievendheid, die een school in het Oosten bouwt; maar men vergeet te verhalen, hoe de benoodigde gelden met de wehTillcnde hulp van Crémieux' Maatschappij in Honduras waren »verworven.quot; 2) Hoeden af voor dit meesterstuk van het Anti-christelijk genie!

Maar om de volle kracht van dit verbond te begrijpen, moeten wij nog dieper in zijn kennis doordringen.

Het gt;Journal de Florencequot; zegt, gt;dat de Alliance Israelite de keur der Vrijmetselarij 3) is; een soort * Senaatquot; der broeders, die boven alle Parlementen uitstaat, en alle hoven van Europa be-■heerscht.quot; Wij hebben dien gt;Senaatquot; aan het werk gezien in België, Frankrijk, Duitschland bij de ihervormingquot; der scholen 4), bij de

verdrijving der kloosterlingen!.....

Wat het Journal de Florence beweert, komt overeen met de gezegden der Vrijmetselaren zelve. Br.-. Clavel 5) leert ons, dat de hoofden van den Ritus Misraïm 6) het voorrecht hebben alle vertakkingen der Vrijmetselarij te besturen; Br.-. Ragon, eveneens een hunner voornaamste mannen, noemt den ritus Misraim een »Jood-schen Ritusquot; omdat de Joden daarin de overgroote maerderheid

1] Drumont II p. 65.

2] Ibid. Gazette des Tribunaux 1880. Indien men hier achter was gekomen hadden de Heeren zich misschien ook moeten «verwijderen» gelijk Pincoffs z. g.

3] J. de Magdeleine I 4, 27.

4] Dit zal ook Nederland wel eerlang wachten, als de vrijmetselarij de handen hier vrij krijgt.

5] Zie «Franc-Magons et Juifs» van de Saint André.

6] Gesticht door den jood Cagliostro.

y

ocr page 28

— 24 —

vormen. De Vrijmetselarij, die kerk van den duivel, — Pius IX noemde haar veelbeteekenend de gt;Synagogequot; van Satan,— de Vrijmetselarij wordt dus door Joden geregeerd, i)

Een zeer waar woord sprak dus de gt;Cri du peuplcquot; in Februari 88; 2) »In den Hoogen Raad der Vrijmetselarij zijn 5 Joden tegen 4 Christenen.quot; Baron de Mousseaux 3), een staatsman die in Bis- /,

marck's omgeving leefde, had hetzelfde reeds lang te voren bekend gemaakt. Een Protestansch Vrijmetselaar van Berlijn deelde hem zelf mede; gt;Het doel der Vrijmetselarij is heden ten dage viervoudig: i0 Uitroeiing van het Christendom 20 Vernietiging van Frankrijk 4), 30 Een groot Duitsch Keizerrijk en een Socialistisch Italië 4° De verjoodsching der Christenvolken.quot; Wie zich de teksten van den Talmud boven aangegeven, herinnert, en de geschiedenis der laatste jaren beschouwt, hij ziet onmiddelijk, dat zulk een doel slechts door den Jood beoogd kan worden, en dat er ijverig naar de verwezenlijking van dit helsch plan gestreefd wordt.

Toch is onze raeening niet, dat de vrijmetselarij van Joodschen oorsprong zij; dit overigens is eene geschiedkundige vraag, voor ons doel van ondergeschikt belang. Het volstaat ons te weten, dat tegenwoordig de Joden en de Br.*. Br.-, één zijn, dat de Vrijmetselarij van de Synagoge haar bevelen ontvangt.

De Joden, in het begin uitgesloten van de Loge 5), werden er slechts omtrent 1780 in opgenomen. In 1776 had Adam Weishaupt te Ingolstadt de iSekte der Verlichtenquot; in het leven geroepen 6);

zijn doel was gt; vernietiging van allen godsdienst 7); tot de statuten behoorde; gt;slaafsche gehoorzaamheid ten koste van geld en goed,

ja van het leven.quot; Tot deze sekte werden de Joden toegelaten.

Toen de ïVerlichten,quot; door de bemoeiingen van Baron Knigge, samensmolten met de Vrijmetselaars vloeiden de Joden bij honderden de Loge binnen. In 1782 werd te Wilhelmsbad, op raad var-een Jood, de eerste groote algemeene vergadering gehouden; daar werd eenheid van handeling over de geheele wereld in vaste

1] Zie o. a. «Franc-Majons et Juifs» de S.-Andrc. Jodendom en Vrijmetselarij. X.

2] Vergelijk de «Rapporteur» van Lille 23 Februari 1888. [Turnhout.]

3] In zijn werk «le Juif.»

4] Waarom? — Frankrijk is immer de Ridder der Kerk geweest. Leo XTU sprak in 1887: «Hoe Frankrijk gevallen zij, toch verwacht ik nog het heil uit dal land.» «Univers» December 1887. Karei Martel, Karei de Groote, de predikers der kruistochten waren Franschen. Trots groote politieke fouten blijft Frankrijk: «Ie Pays du grand élan chrétien.» [Bougaud].

5} «Oorkonde van Keulen» 1535. Art. 6 en 7.

6) Drumont I 260; de Saint André enz.

7) de Saint André, Chabauty «juifs et Franc-Mafons» en anderen

ocr page 29

wetten gewaarborgd. In 1794 reeds beklaagde zich een Grootmeester, dat gt;de Verlichtenquot; de gt;Oude Vrijmetselarijquot; geheel overvleugeld hadden; thans zijn de Joden geheel meester in de Loge, wij zagen het.

Ziehier nog andere bewijzen.

Sla den * Catechismusquot; 1) open; het is overduidelijk, dat de plechtigheden van de aanneming der Vrijmetselaars, dat de namen hunner overheden, dat hun jaar, de namen hunner maanden, hun ark des verbonds, hun eerbied voor accacia-hout Israëlitisch zijn.

Het doel is Joodsch: 2) uitroeiing des Christendoms, de geest is Joodsch, haat tegen den Christus, in zijn edelmoedigheid, in zijn offer, in zijn grootheid van lijden en medelijden, in zijn ruime opvattingen, in zijn voorstelling van een hooger genot, in zijn geloof, in zijn hoop in zijn liefde!....

De Vrijmetselaars, die geen Joden zijn, worden terecht als bedrogenen en slachtoiïcrs beschouwd; Cousin 3) bewees het, die in Rotschild's lagen viel, — Andrieux en Taxil, uit de Loge getreden, verklaren het luide in hunne werken.

Ja waarlijk, het Jodendom en de schandelijke Vrijmetselarij zijn feitelijk één. —

Vandaar vond men in het kleed van Rayo, den Vrijmetselaar, die Garcia Moreno vermoordde, de bewijzen dat hij een werktuig was van de Loge en den Joodschen Hoogen Raad beide 4).

Vandaar, der Vrijmetselaars afschuw van de lievelingen van Jesus; de behoeftigen, — luide door de Br.-. Br.-, onder anderen door Ragon, Bazot en Beurnouville verkondigd 5): het was de echo der godtergende woorden van den Jood Lockroy: 6) «Wee den arme!quot;

Vandaar ook dat de Vrijmetselarij nog niets^ wat der menschheid nuttig was, tot stand bracht 7); want haat is haar beginsel, en de haat is onvruchtbaar. — Zij trachtte een liefdadigheids-gesticht op te richten: de Jood Leven was tot voorzitter der commissie benoemd; de gt;Monde-Magonniquequot; uitte na afloop der beraadslagingen den wensch, dat nooit iemand het verslag lezen mocht!

1) «Manuel complet d'adoption» fr Ragon, ancien venerable. «Rituel de la Ma^onnerie» van denzelfden.

2) Zie de boven en op het eind van dit nummer aangehaalde schrijvers.

3) Zijn geschiedenis: Druviont II p. 324.

4) Bert he «Vie de Garcia Moreno.»

5) Druviont II 328.

6) Zijn eigenlijke naam is Simon. Zie Vapcreau «Dictionnaire des contemporains.»

7) ,,Monde-Ma(;onnique.quot; ,,Wij slagen nooit ais wij iets op het terrein der weldadigheid beproeven.quot;

ocr page 30

Vandaar dat de Vrijmetselaars elkander nooit verlaten. De Jood Hirsch richtte eene maatschappij op tot ontginning van mijnen in Uraguay. Vijftien millioen ontsteelt hij met br.-. Tirard i) den Christenen, maar het gerecht moeit er zich niet mede, als men ontdekt dat hun mijnen nooit bestaan hebben 2)! Gold het geen ibroeders?quot;.... Dergelijke feiten zijn letterlijk voor het grijpen!

Vandaar nog, dat zich thans herhaalt, wat in de Middeleeuwen der Joden dagelijksch bedrijf was; vergiftiging der Christenen. Toen deden zij het door het reeds genoemde »Aqua toffanaquot; in spijs en drank te mengen; de stukken zijn voorhanden 3), lezer, hoe zorgvuldig de Jood ook trachtte al, wat hem onthullen kon, te vernietigen. Thans doen het de Vrijmetselaars, in Frankrijk, in het Staats-Labo-ratorium 4), waar de geheel uit scheikundige bestanddeelen saam-gestelde wijn, die zoo gemakkelijk het vreeselijke gt;delérium tremensquot; 5), geeft, onder het toezicht voornamelijk van Joden wordt

1) Later minister!

2) Séance van den Senaat 26 April 1883.

3) Brief van den Koning van Grenada, vassal der Sarraceenen aan Samson, zoon van Helias, een Jood. De brief is op perkament uit het oorspronkelijke overgezet in het Fransch; 4 notarissen hebben de overeenkomst met den tekst gewaarborgd en het vertaalde stuk geteekend. Het dokument draagt den datum 1321; de koninklijke baljuw van Magon heeft het gezegeld. Archives nationales. Carton J 427. N 18.

Ik lees in dat stuk onder meer :

«En wij dragen u op, het vergif, dat wij u hebben gezonden in putten en fonteinen te mengen en als gij niet genoeg hebt zullen wij u meer zenden.... Nog

zend ik u iets anders, dat gij werpen moet in het water, dat de Koning drinkt.....

laat dit spoedig geschieden, ik zal er u zooveel goud voor geven als gij maar begeert.... laat u voor goud noch zilver weerhouden de Christenen spoedig te vergeven.... Wij groeten u en uwe broeders, want gij zijt onze broeders in de wet... enz...»

Een ander stuk:

«Fastes de Bohème» door Marquar en Freher; brief van Philip van Anjou aan Paus Jan XXI.

Daarin leest men :

«Onze mannen zijn dan bij de Joden ingetreden om zich te overtuigen van de dranken die zij den Christenen toebereiden. Bij een jood, Bananias, heeft men in een donkeren hoek van het huis een koffertje gevonden.... stukken, daarin ontdekt bewezen dat de joden geheime verstandhouding hebben met de Turken, van wie zij het herstel hunner natie hoopten....»

In een dier stukken tot den Sarraceenen vorst door de joden gericht, staat :

«Middelerwijl, en gelijk gij u overtuigen kunt door uw edelen onderkoning van Granada, hebben wij aan dit werk (uit het verband blijkt, dat dit werk de omverwerping der christen-rijken is) gearbeid door behendig vergif in hun drank te mengen.... in hun water, in hun putten, in hun bekken, in hun fonteinen en wellen.... enz.»

4) De joden drinken dezen wijn niet (daar zijn zij te slim voor!) Getuige de aankondigingen in hun bladen b.v. in de Archives: ,,]ules Simon.quot;

„Buitengewoon merk.quot;

„Toebereid onder het opzicht en met goedkeuring van M. Kahn, Rabbijn te Nimes.

Verbeeld u een dorpspastoor aldus handelend! Wie zou het eerst roepen van «priester-tyrannie?» De joden-pers!

Mochten ons de oogen toch open gaan.....

5; Dr. Lancereau aan de Acad. des Médecines 17 Dec. 1885.

ocr page 31

— 37 —

bereid. Van deze officieele vergiftigings-maatschappij was eerst de Jood Gambetta en na hem de Jood Lockroy voorzitter. Op een openbare vergadering dier duivelsche vereeniging, bemerkte men onder de bestuursleden minstens dertig Joden! Daar slingerde Lockroy zijn gt;Weequot; over den arme uit! i)

Vandaar nog, de falelachtige rijkdom der Vrijmetselarij, die in een jaar van 17 millioen leden twee duitend millioen gulden beurde: 'tis omdat het bestuur in Joden-handen is.

iVandaar eindelijk, dat het werk slaagt, omdat het een «Joden-werkquot; is, — Crémieux heeft het gezegd, en het is misschien een der zeldzame gelegenheden geweest, dat hij waarheid sprak. In één woord, vandaar dat het geheele streven het doel, de geest der Vrijmetselarij Joodsch is: haat tegen den Christen.

Dat de Internationale, het Socialisme, Communisme, Carbonaris-me, Nihilisme slechts zoovele verschillende vormen der Vrijmetselarij zijn, niemand die hieraan twijfelt.

De gt; Internationalequot; groeide dan ook in Engeland uit een door de Joden Karl Max en Engels opgerichte geheime vereeniging (1S48) en de Jood Hertsen bracht met Baron Bakounine in i860 de Vrijmetselarij in Rusland onder den naam van Nihilisme 2); De Hoofden der Nihilisten zijn Joden: Deutch, Max, Lassale, Kalish, Outine; noemen wij onder hun beruchte moordenaars: Hartmann, Mladetski, Goldenberg enz.

Ingevolge Loris' Melikoffs bevindingen werden dan ook, zes weken na den moord op Czar Alexander gepleegd, alle Joden St. Petersburg uitgezet.

Nog eens, de Joden leiden en regeeren de Vrijmetselarij, onder wat namen zij zich verbergen moge.quot; 3)

1) Maart 1883. — Over dezen wijn ook de Magd. I. 333.

de Saint André etc.

3) Zie nog Lamy «la République en 1883», Claudio-Janet, Davhi, Léo Taxil, «Les Frères des Trois Points», Andrieux «Souvenirsquot;, Barruel «Memoires pour servir a l'histoire du Jacobinismequot; enz.

Uit al het hier gezegde blijkt, dat men den Jood vooral in de Vrijmetselarij bestrijden kan en moet. Wij bevelen daarom dringend het schoone werk aan, dat onder den naam van »Anti-Vrijmetselaars-Verbondquot; in Frankrijk, België, Duitsch-land en ook reeds in Nederland bestaat. Men leze het «Manuel (Handboekje van dit verbond] 'twelk voor eenige centen verkrijgbaar is, en handele in dien geest; 't is het krachtigste middel tegen de Vrijmetselarij, dat is : het Jodendom, in zijn afschuwelijksten vorm.

ocr page 32

38 —

Thans helderen zich alle geheimen op, wij begrijpen hoe de gewetenlooze Joden, — ten minste, wat wij Christenen gewetenloos noemen, — meester werden en meester zijn; wij begrijpen de kracht van het Jodenverbond, wij begrijpen hun banken, hun invloed op de Pers, wij begrijpen in één woord; hun wereldmacht: 't is de *de kerk van den duivelquot; tegen Christus' Kerk opgebouwd.

Ja de Joden zijn eene Wereldmacht, i)

Gelooft gij aan een hersenschim als d'Israeli, de scherpzinnige staatsman, schrijft:

iNeander, de stichter van het spiritualistisch Christendom, professor aan de Hoogeschool te Berlijn, is een Jood; de niet minder beroemde Benary is Jood, Wehl...- is Jood; de- naam der Duit-

sche professoren, die Jood zijn is legio, tien alleen te Berlijn!.....

Eenige jaren geleden richtte zich Rusland tot ons. Nooit evenwel had er vriendschap tusschen het hof van St. Petersburg en mijn familie bestaan,... Toch leidden de omstandigheden tot eene toenadering tusschen de Romanow's en de Sidonia's. Ik ging zelf naar St. Petersburg. Ik had eene samenkomst met den minister van financieén Graaf Cancrin, — ik vond een Jood. üe leening stond in verband met zaken in Spanje; ik besloot er. Rusland verlatend, heen te gaan. ik had een ontmoeting met den Spaanschen minister, Senor Mendizabal; ik bevond mij tegenover een Jood. Ik ging van daar naar Parijs om den President van den Hoogen Raad

te spreken..... weder een Jood..... Ons onderhoud leidde tot een

gesprek met den Pruisischen minister.... ik herkende ook hier een Jood. Gij ziet dus al, dat de wereld door geheel andere personen bestuurd wordt, dan zij wanen, die niet achter de schermen zien.quot; 2)

1) J. dc Magdelehic i 196.

2) aConingsbyquot; van d'Israeli.

ocr page 33

— 29 —

Is dit alles waar?.... Zeker zeer veel, en de laatste zin origetwij-feld. Op een andere plaats zegt dezelfde schrijver: i)

gt;Die Russische diplomatie, voor welke geheel Europa verbleekt, wie bestuurt haar? De Joden! De machtige omwenteling, die in Duitschland voorbereid wordt, van wien wacht zij haar ontwikkeling? Van den Jood! Hoevele ministers van Joodsche afkomst in Rusland, Spanje en Frankrijk!quot;

»In een ander werk 2) schrijft dezelfde beroemde Engelschman: «Sinds lang hebben zich de Joden in de geheime diplomatie gedrongen, en er zich bijna geheel meester van gemaakt;..... zij oefenen een onweerstaanbaren invloed uit!quot;

Ziehier feiten en getuigenissen, die d'Israëli's meening staven. Rothschild's bent regeert Frankrijk; de mannen die de Republiek stichtten zijn allen vreemdelingen, dubbel vreemdelingen, zegt Uru-mont, want het zijn Joden: Gambetta was hun hoofd. Er is slechts één man ter wereld voor wien Bismarck met de hoed in de hand stond: de Joodsche bankier Bleichröder 3). De Vrijmetselaars spelen met Italië. Zij waren het, br .quot;. Constans heeft het openlijk in de kamer verklaard 4), die het Fransche Gouvernement gt;dwongenquot; tot de uitwerping der kloosterlingen. De Joden hebben Oostenrijk in hun macht; op 20 Februari 1880 verzocht de voorzitter van den Rijksraad, de heer Smolka, aan het lid Pattai of hij in 's Hemels naam Rothschild niet meer noemen wilde in de vergaderingen : »iedere aanval op dien man kan den Staat millioenen kosten.quot; 5) Twee derde van Oostenrijks grond is in Joden handen. Rusland is ondermijnd door het Nihilisme. Van Engeland zwijgt men, maar mannen van gezag beweren, dat ook daar de toestand verschrikkelijk is, hoewel de Lords zelve hel niet weten.

Zou het niet belachelijk wezen, als het verschijnsel niet te ernstig was, dat de Fransche zaakgelastigde in Rumenië de Jood Mellinet, in Perzié dezelfde Jood, in Macocco te Constantinopel en in Engeland de Jood Tissot, in Tunis le Roustan was, toen er moeielijk-heden te vereffenen waren ? 6)

1) Op. cit.

2) „Endymionquot; van denzelfden.

3) Kmitz ,,Revue dn monde Catholiquequot; i88t. Onunont p. 372.

Over d»' mnrbf van de jodi n in Rleichröder zie ,,C0rrespondancf slave de 1872quot; Lettm tin (quot;oionel Stoffel :ï M. Pie'tri 20 Nov. t868 (('orresp. de la famillR imperiale.)

4) 1885.

5^ ,.Gazette de Francfortquot; 22 Feb. 1S88.

Zie over de oppermacht der joden in Oostenrijk: Des Reiches Kolh-Glagau. 6) Drumont I. p. 01

ocr page 34

— jo —

Renan heeft gezegd: »De toekomst is aan den Jood, de moderne geest is Joodsch.quot;

Cerfbeer de Medelsheim, zelf een Jood, verklaart i); «Niet inde Rue des Postes 2) maar in de Rue Lafitte schuilt het gevaar.quot;

Ratzinger 3) breidt dit gevaar uit over geheel Europa, als hij beweert:

ilndien wij niets doen om de onteigening der gronden tegen te gaan, zal binnen 50 jaar of op zijn hoogst eene eeuw, de geheele Christelijke maatschappij aan eenige Joodsche bankiers behoor en.quot;

Delaville getuigt in 1882 4): »De Joden zijn rijk genoeg om Frankrijk te koopen, en zij zullen het misschien doen, als het dynamiet zijn taak zal hebben verricht.quot;

Toussenel schrijft: 5)

lAlle werklieden zwoeg en en putten zich uit om eenige duizende luie Joden te voeden.... alle winstgevende posten van Frankrijk zijn in Joden-handen. De Jood, die uitsluitend aan het bestuur is, zal weldra meer beambten hebben dan de staat. Ik daag koningen en kamers uit, om zonder de Joden een verdrag te sluiten. Wie heeft het monopolie der banken en van het transport, die twee hoofdtakken van den handel? Wie van het goud en het kwikzilver ? 6) De Joden.

De reeds genoemde Cerfbeer 7) legt die laatstgenoemde feiten uil:

»Er is geen ramp, die de Joden niet voorbereid hebben, en waaruit zij geen voordeel trekken.quot;

De groote Staatsman Baron de Metternich, de toekomst voorziende, riep uit:

• De Joden zijn de hoofdmannen der Revolutie. gt;Zij zullen Duitsch-land een vreeselijken dag baren, maar die hun een nog vreeselijker morgen zal doen opgaan 1quot; 8)

In 1874 schreef de «Mondequot; uit Weenen, dat als de Joden in menigte uit Oostenrijk togen, het rijk voor 50 jaar geruineerd zou wezen; zóó hebben zij dat arme land in hun macht. «Wij voorzien den dag, — schreef het blad, — dat een uitgebreid Jodenrijk

1) „Les juifs, leur histoire, leurs moeurs.quot;

2) Dit is het verblijf der Jezuiten; de Rue Lafitte dat van Rothschild.

3) Bij Drmnont, Tnlr. VII.

4) ..Les israélites de Paris.quot;

5) ,.Les juifs rois de l'dpoque.quot;

6) Voe^ hierbij: van het graan is Koning de Jood Ephrussi, van de spoorwegen de jood Stousberg, van her katoen de jood Ranger enz. enz.

7) Op. cit.

8) nog ]. de Magdeleine, I p. 31 — p. 191.

ocr page 35

aan den Donau zal gesticht worden, en het geheele domein der Kabs-burgen één groote Synagoge zal wezen. Gutskow, een Jood, verklaarde in de gt;Gazette d'Augsbourg (1881:) gt;De ware stichters van het (nieuwe) Duitschc Keizerrijk zijn de Joden 1). De Joden geven den toon aan de Pers, aan de diplomatie aan de geheele politiek!quot; 2) Goscher, een bekeerde Jood, getuigt 9).

»De Joden der i9de eeuw zijn een macht, waarvoor zelfs de grootste staatslieden zwichten, en die bijwijlen de tronen doet

beven...... Zij hebben zich van alle hefboomen bediend om de

godsdienst en de Christelijke maatschappij omver te werpen »e n »zij hebben van de gelijkheid tusschen de bur-jgerrechten van Joden en Christenen een stuk gt;weten te maken, waarvan het bestaan der Euro-»peesche politiek afhangt.quot;

De lezer vergete die woorden niet, wij komen er op terug. Ziehier echter hoe de groote staatsman Bismark deze gelijkheid van rechten veroordeelde, hoe verderfelijk hij die achtte. In zijne redevoering van 1847, over de «Emancipatie der Jodenquot; sprak hij onder anderen:

gt;Ik ben van gevoelen, dat de ideè van Christelijken staat zoo oud is als het zoogenaamde heilige Roomsche Rijk; zoo oud is als de Europeesche staten samen; dat deze idéé de bodem is, waarin de Staten wortel gevat hebben, en dat iedere staat als hij zijn

duurzaam bestaan wil verzekerd zien......op godsdienstigen grondslag

moet staan. Voor mij zijn de woorden; gt;door Gods genade,quot; die Christelijke vorsten bij hun kroon voegen, geen ijdele klanken; want daarin zie ik de belijdenis, dat deze vorsten den schepter, dien God hun verleend heeft, ook volgens Zijn Wil voeren zullen. Als Gods wil nu kan ik slechts datgene erkennen wat in den Christelijken Godsdienst is geopenbaard geworden; en ik geloof in mijn recht te zijn, als ik zulk een Staat een Christelijken noem, die zich tot taak gesteld heeft, de leer van het Christendom te verwezenlijken. Dat wij met de hulp der Joden dit doel nader zullen komen, dit kan ik niet gelooven.

Erkent men eenmaal den godsdienstigen grondslag van den

1) Vergelijk ook No VI in den nnnvang (Fr.insch-Duitsche oorloi;, waaruit het Duitscbe Keizerrijk groeide.)

2) Zie No VI van dit werkje over het doel der Vrijmetselarij, die. gelijk wij zagen. door de joden bestuurd wordt.

3) „Dietionnaire encyclopédique.quot;

ocr page 36

Staat, dan houd ik het er voor, dat deze grondslag bij ons slechts het Christendom kan zijn; ontbreekt aan den staat deze grondslag, dan houden wij alleen een agregaat van rechten over, een soort bolwerk tegen den krijg van allen tegen allen. Zijn wetgeving zal niet meer uit de bron der Eeuwige waarheid voortvloeien, maar uit de vage vlottende ideëen van humaniteit i) van hen, die aan de spits staan. Hoe men in zulk een staat de ideëen over de onzedelijkheid^ over het eigendom, over de hooge zedelijke waarde van den diefstal^ als een poging om de ongeboren rechten van den mensch te herstellen, wil bestrijden, is mij niet klaar 2). Laten wij derhalve het volk in zijn Christendom geen afbreuk doen, door een bewijs te geven dat dat Christendom voor zijn wetgevers niet noodzakelijk zou wezen; — (wat men zeker doet met een food, een anti-christen in welk bestuur dan ook. in een Christenmaatschappij, te dulden.)

...... Als ik mij als vertegenwoordiger van de geheiligde Majesteit

des konings tegenover een Jood denk, aan wien ik moet gehoorzamen, dan moet ik bekennen, dat ik mij diep ter neergedrukt en vernederd zou gevoelen; dat mij alle opgewektheid en het oprechte eergevoel begeven zou, waarmee ik mij thans beijver mijne plichten jegens den Staat te vervullen. Ik deel dit gevoel met het volk. sn ik schaam mij dit gezelschap niet.quot;

Zóó sprak Bismark — helaas ook hij moest 20 jaren later leeren zich jneer te drukkenquot; zich te gt;vernederenquot; voor den Jood. Maar de aangehaalde worden, om hun waardigheid, hun waarheid en hun logische kracht, zijn er niet minder sprekend om! — Veertig jaren verstreken sinds die fiere, mannelijke Christen-laai werd gesproken; Sedert is zeer veel veranderd; maar het gezond verst;ind spreekt nog immer uit die redenen, en nog meer dan Bismarck destijds mogen wij Christenen thans zeggen; gt;dat \\t\. oprecht Christen eergevoel dat het Christendom zelf geen jood als meerdere dulden kan en mag.quot; —

En toch, wij dulden het, — de Joden zijn de meesters der beschaafde wereld! —

1) Zie No 1 dit idee der Vrijmetselaars-Joden.

2) joden, antwoordt hier eens op uit uw Talmud?

ocr page 37

— 33 —

Wie na deze getuigenissen, na deze redeneering te hebben vernomen, nog onverschillig de schouders ophaalt, — ik geloei dat hij niet aan brand zou gelooven, vóór zijn huis in laaie vlammen stond!

Maar aldus zijn mijn Hollandsche lezers niet; ik ben er van overtuigd, anders had ik mij de moeite bespaard, deze bladzijden te schrijven; ik weet het, zij zullen de waarheid inzien van het woord; gt;De Jood is eene wereldmacht^ en dit is onduldbaar! Kan hun overwicht ons overigens nog bevreemden nu wij hun geest hun karakter^ hun streven, hun gavfienlooze middelen... de macht van hun goud, van de Pers, van de Alliance, eindelijk van de Vrij-metselarij kennen?

Wij konden hier eindigen, de lezer kon zijn besluit trekken. —

Evenwel, ons inzicht was een geschrift te leveren dat, zooveel de voorgestelde beknoptheid toeliet, de figuur van den Jood met de geschiedenis volkomen zou teekenen.

Nu is er een land, waar de Joden het bestuur geheel in handen hebben, waar die Jood bovendien in den grond bestudeerd werd; laat mij u hem daar nog in staats- en burgerlijk leven schetsen; wij kunnen aldus leeren, wat de hedendaagsche Jood van alle Christenrijken maken wil, wat hij er van maken zal, als zich de gelegenheid aanbiedt, en de Christen zorgeloos het gevaar blijft ontveinzen.

Mogelijk spoort deze studie ook een Nederlander aan, den toestand van het Jodendom in ons Wderlami te onderzoeken!......

Kondt ge eens spreken, hooge muren van Amsterdam's beursgebouw! Wie weet, zouden in één oogenblik de Christenen binnen uw kolommen zooveel plaats maken, dat niemand meer gebrek aan ruimte gevoelde!.......

Het land, waar de Jood meester en waar hij geheel onthuld werd, is Frankrijk; den blik derhalve op dat land gericht.

3

ocr page 38

VIII,

Wie der Joden kuiperijen en woekerijen, hun verderfelijken geest, gedurende de Middeleeuwen, wenscht te kennen, raadplege Dru-mont i); voor Duitschland kan Jan Jansen 2) hem onderrichten. Voor ons, wij beperken ons tot Frankrijk, in de laatste jaren.

F R A N S C H-D UITSCHE OORLOG.

Gelooft gij dat de voor Frankrijk zoo noodlottige fransch-duitsche oorlog van '70 Jodenwerk was? Zeker, vóór Drumont heeft niemand het uit de feiten getoond; wel vermoedde men der Joden inwerking, maar niemand had bewezen, dat die reuzenkamp een Joodsche intrigue was. Drumont, de gegevens van dagbladen en andere getuigen vereenigend, heeft het duidelijk in het licht gesteld. 3)

Vóórdat de krijg ontbrandde, kwamen te Berlijn van alle punten der wereld afgevaardigden van het «Joden-Verbondquot; bijeen. 4) Daar werd geraadpleegd over het lot der verdrukte en verdreven Polen, daör werd, geheel volgens het streven der Vrijmetselarij, gelijk wij reeds zagen, — de val van het Christen-Frankrijk besloten 5). Een verpletterende nederlaag moest het middel zijn.

De gelegenheid, tot uitvoering van dit gruwelijk plan, bood zich . aan. Bismarck was in verlegenheid over de achterstallige soldij die den troepen, sinds 1866, nog moest worden uitbetaald. Toen stelde hem de Jood Bleichröder voor, den soldaten in papieren-waarde te voldoen 6). Banknoten echter, ieder begrijpt het, kunnen geen geld vertegenwoordigen, tenzij in de staatskas haar waarde in goud, zilver of anderszins aanwezig zij. Bismarck vond dus

1] 1. p. 139—289.

2] Geschichte des Deutschen Volkes T I.

3] Drumont, I. p. 370 en vlg. Vergelijk No VII op het einde.

4] 3 Febr. 1870.

5] Drumont, p. 374.

6] Over de macht van Bleichröder en de Joden zie boven; verg. nog Drumont p. 378. De Fransche Kolonel Stoffels vond geen zekerder weg voor zijn brief naar de

Tuileriën dan langs den Duitschen Jood ! !

ocr page 39

— 35 —

Bleichröder's middel ondoelmatig, want de vraag bleef, waar dit goud of zilver te vinden. De Jood had het antwoord gereed, het wachtwoord hem gegeven: »het gotul zit in den grond van Frank, rijk, daar zullen wij het halen.quot;

De oorlog was dus bepaald, en zou verklaard worden. Maar hoer Vooreerst moest in Frankrijk het oorlogsvuur ontvlamd worden. De sluwe Jood had doorvorscht, dat de keizerin Eugenie hiertoe de geschikte persoon was. Instrument in der Joden handen, werd zij door middel van haar biechtvader, 't is thans wereldbekend, — ee/i vermomden Jood., Jan Marie Bauer i) een man wiens geschiedenis naast die van Cagliostro kan staan. Deze Semiet was het, die Frankrijks vorstin en door haar het geheele hof onophoudelijk prikkelde tot den krijg. Na Frankrijks val wenschte hij der Republiek behouden reis, trok af naar Brussel, en..... huwde er.

Frankrijk werd dus naar behooren bewerkt.

Wel deed koningin Augusta het mogelijke, om Wilhelm van den oorlog af te keeren, maar de drang was haar te machtig. Zoo is het raadsel gereed, hoe de strijd die door Duitschland's Joden gewild werd, door Frankrijk werd verklaard; 'twas weer een meesterstukje van hen die, volgens d'Israeli, gt;de geheime politiek in handen hebben.quot; 2) Crémieux kon grijzend herhalen; gt;het werk slaagde, omdat het een Jodenwerk was.quot;

De Spaansche troon scheen de twistappel te zullen worden; evenwel. dank aan Keizerin Augusta, gaf Wilhelm toe.

De Joden waren ten einde raad.

Toen brachten zij de geschiedenis in de wereld van de beleedi-ging den Franschen gezant Benedetti aangedaan, eene beleediging welke deze man plechtig verklaart 3), nimmer te hebben ondervonden. Het was de Jocdsche agent Wolff 4). die het sprookje in de wereld bracht. »De Persquot; deed er een storm van verontwaardiging over opgaan, de Pers, — de Jodenbent een storm, die het hof verwarde, geheel ontstelde en uitbarstte in eene oorlogsverklaring. De gevolgen beantwoordden aan de verwachting; gt;het goud werd in Frankrijks grond gevonden.quot;

1) Drumont 1. p. 374. Zijn broeder is de hoofdagent der Joden in Spanje, hij speelt er de rol, die Lambert in Belgie vervulde. Zie ook over Baucr »Le Judaïs-me en Francequot; Stuttgart 1872.

2) Zie ook .Jodendom en Vrijmetselarijquot; X, Turnhout.

3) In zijn boek ,,Ma mission en Allemngnequot; ,,1k zal, zegt bij, mij niet ophouden bij die beleedigingen welke men voorgeeft, dat mij zouden zijn aangedaan.quot;

4) Drumont 1. c.; Dagbladen van 1870.

ocr page 40

En, toen Parijs zijn poorten geopend had, reden, in twee groepen, de Duitschers de Champs Elysée's op, om bezit van de stad te nemen. De eerste bestond uit de voornaamste Generaals, de

tweede uit......Joodsche bankiers. En zie, daar stijgen allen af, een

der huizen opent zich..... en de Pruisen worden als vrienden onthaald aan den rijken disch van den Jood Ernest Picard. i)

En aldus vóór dat Frankrijk den strijd gestaakt had, begroette de Jood den vijand als vriend, en veroorloofde hij zich lustig met hem te bekeren 1

Maar waarom het hem ten kwade geduid? Is de Jood niet eene nationaliteit op zich zelve? Is hij Franschman of Nederlander?

De samenkomst tusschen Bismarck en den Jood J. Favre werd getroffen te Ferrières 2), dat is bij den Jood Rothschild, de vrede geteekend tusschen den Duitschen Kanselier en dezelfde Joden, waarbij zich nu ook de Jood Bleichröder gevoegd had, — Bleich-röder, de compagnon en de boezemvriend, als het woord er niet door ontheiligd wordt, — van Rothschild 3). Van de vijf milliard 4) kwamen er vier in de handen der Joden en de Duitscher Kuntz kon in 1883 5) het feit opmerken, dat een oorlog, waaruit zijn Vaderland met vijf milliard verrijkt heette te zijn, weergekeerd 400,000 familiën tot den bedelstaf gebracht had!

Ziedaar de ware geschiedenis van '70; wellicht is zij voor velen nieuw. 6)

Wij voor ons, wij kennen geen naam voor den man, die gewetenloos een krachtig en bloeiend land tot verval en gebrek kan brengen, die het bloed van duizenden wreedaardig kan doen stroomen, met het enkele doel om steeds hooger den goudberg in zi:n schatkamer op te stapelen!

1) Supplement du Figaro 28 Fév. 1883: artikel van Rcné de Lagrange, een ooggetuige dezer gebeurtenis.

2) In de Salon des tapisseries Drumont p. m. 112.

3) Kuntz ,.Revue des deux Mondesquot; 15 en 31 Oct. 1881. Hij is het, die Favre een Jood noemt, ten minste ,.hoogst waarschijnlijk.quot; Zeker was hij een slaaf der joden-Vrijmetselaars, zoo hij al zelf geen Jood was.

4) J. de Madeleine zegt („la France Juruequot;) dat de strijd 10 milliard kostte.

5) Revue des deux Mondes 1883.

6) Deze geschiedenis en ook die der Commune en wat hier meer uit die jaren verhaald wordt, werd geput uit de Archieven der Tuilerien, in het geheim, ondanks de zorgen der Commune door Generaal Douay gered (24 karrenj, en naar Engeland gevoerd. Hier gingen Drumont en andere schrijvers te rade. Onverdachte getuigen dus!

ocr page 41

- 37 —

En die man is de Moderne Jood, handelend volgens zijn roeping recht en plicht, en hij zal nog aldus handelen als zich de gelegenheid aanbiedt!.....

Onmiddelijk na den Oorlog namen de Joden Frankrijks bestuur in. 't Is een Jood, Edmond Adam, die prefekt der Politie, een Jood, Camille See, die Secretaris van het ministerie van binnen-landsche zaken werd; de regeering bestond in hoofdzaak uit Crè-mieux, Jules Simon, i) Magnin, Picard, Gambetta, J. Favre, allen Joden.

DE COMMUNE.

De vernielende commune brak uit, — en ook deze was Joden-werk 1 2) Niet de verhitte toestand, waarin de franschman na de geduchte nederlaag geraakte, de woede, die hem dreef, tegen al wat aan den keizer herinnerde; maar wel de koele en looze berekening, om zich die stemming ten nutte te maken tot een groote slachting van Franschen: dat was het werk der Joden 3).

De eigenlijke leiders der Commune waren Joden: Picard, Favre, 4) de defense gt;Nationalequot; (1 !), en met hen zoovelen als van de Commune de vruchten plukten. Victor Hugo, later het slachtoffer der Joodsche Vrijmetselaars op zijn sterfbed 5), V. Hugo heeft het in tegenwoordigheid en tot ontsteltenis van Lockroy 6) gezegd: »Zij, wien de Commune ten voordeel was, zij hebben haar gemaakt.quot; 7) Het doel dier leiders, — der Joden, — was onmenschelijk: Franschen vermoorden, vooral zoo mogelijk, den Franschen werkman uitroeien.

1) ..Republique grangaisequot; Mei 1884 over Simon.

2) Alle mannen der Défcnse Nationale stonden met de Commune in verband, *Archieven der Tuileriën.» Zie p, 36, Noot 6.

3; Drumont 1. p. 387—419: J. de Magdeleine 1. p. 38-41.

4j Busck ,,le Comte de Bismarck et sa suite pendant la guerre.quot;

V Vooral van Lesclide en Lockroy; de laatste jood was zijn schoonzoon.

6) Is jood, z\e „Vafereauquot;

7) Drumont II. 535.

ocr page 42

- 38 -

Duivelsch zijn de middelen door den Jood aangewend, om dat gehate geslacht te verdelgen.

De aanvoerders der volksgroepen waren welbetaalde vreemdelingen en Joden; men zorgde, dat de communard nimmer in zijn eigen wijk streed; verslagen kon hij aldus, op de vlucht, in de woningen geen kwartier vinden; ieder toch wierp de deur dicht voor den vreemdeling, i)

Het gouvernements(!)-leger stond te Versailles. De generaals verzochten aan de bewinds-mannen, of de gendarmen van Parijs de troepen geleiden mochten door de hun welbekende buurten en wijken der stad; zóó zou de strijd spoediger geeindigd wezen. 2)

Begrijpt gij, waarom dit verzoek door Favre en Picard werd afgeslagen ?

Begrijpt gij, waarom de strijd viermaal langer gerekt moest worden, dan noodzakelijk was? 3)

Begrijpt gij, waarom de Commune naar Rothschild's paleis de hand niet uitstak? üf wist men mogelijk niets van de wereldschatten daar opééngetast?

Begrijpt gij, waarom alle Joodsche eigendommen, alle Rothschild's 150 huizen in Parijs ongedeerd bleven, terwijl de halve stad in puinen lag r 4)

Begrijpt gij Rigault's woede tegen de geestelijkheid, als gij weet dat de Jood Gaston da Costa hem dreef? 5)

Begrijpt gij, waarom la Roquette een bloedbad te aanschouwen gaf, zoo ijselijk als sinds de groote Revolutie niet vertoond was?

Was niet de directeur een Jood?.....

Begrijpt gij, waarom de Wurtembergsche Jood Gambetta, — bij de Commune door Ranc vertegenwoordigd, — zonder het volk leeningen kon sluiten, zonder dat het volk zelfs gehoord werd? Een feit waarvan men de weerga vergeefs bij de Zoeloe's en wilden zoeken zou ?

Begrijpt gij de vreeselijke ironie van Frankrijks bestuur toen ter tijde, dat zich gt; Défense Nationalequot; — gt; Nationale yerdedigingquot; heette, en waarvan de voornaamste leden de onverzoenlijkste vijanden, de beulen, de verraders des lands waren. Crémieux, Gambetta,

1) Drumont 1. 415. Vele bladen hebben dit feit met hem opgemerkt.

2) id. 1. 416.

3) id. 1. 416.

4) quot;J. de Magdeletne I. 41.

5) Kigault was van nature zoo bloedgierig niet. Drumont 1. 404 Noot.

ocr page 43

Joden, en naast hen in de Commune Favre, Picard, en in de »Goiid-Regeeringquot; Rothschild, Hirsch, See, — allen Joden? i)

De Commune slachtte 30,000 Franschen 2), en putte het reeds afgestreden land ten doode uit; het doel was getroffen, de Jood triumfeerde, en Gambctta telegrafeerde grinnekend aan een zijner vrienden!: »Wij rooken nog immer fijne sigaren.quot; 3) En in de ontvolkte buurten van Parijs stroomden nieuwe bewoners binnen, en tot verbazing van den opraerkzamen voorbijganger, wemelden drie maanden later de leeggemoorde straten van Levy's, Mozessen, Simon's, Mayer's, Meier's, en Jakob's. 4)

Maar zulk bloed roept om wraak naar den hemel 1......

En schoon de Christen, — want tot hem spreek ik, — de wraak niet wil, maar dat de belager zich bekeere, en leve, toch mag hij weten, dat er een slang is, die hem naar de hielen loert!

ALGIERS.

Ziehier nog eene geschiedenis die men naar de fabelen zou verwijzen, ware zij niet, voor min dan 15 jaar het tooneel der gebeurtenissen betreden: de burger-verklaring der joden in Algiers. 5) De broederlijke zorg voor de * Natiequot; in deze Fransche Kolonie, ging uit van de iDéfense Nationale,quot; een bewind, dat hoegenaamd geen recht had zich met de bezittingen in te laten; maar wat vraagt een Jood naar recht!....

Terwijl dan de Franschen in hun land van lager tot lager vielen, door de kuiperijen en gruwelen van den Semiet, zorgde het voor-loopig tbesimir van het landquot; gt;de Defense,quot; dat de schoonste van Frankrijks kolonieën ondermijnd werd.

1) J, de Magdeleine noemt terecht Rothschild ,,de koningquot; der joden. Hebben wij er ook geen ?

2) Officieel cijfer, — 't zal wel veel te laag zijn.

3) Dit tergend woord is bekend.

4) Drumont 1. p. 422. Drumont is zelf Parijzenaar; dokter wonende in de Rue de rUniversité No 105. - J. de Magdeleine la France Juive 1. 39.

5) Drumont 11. p. 13 en vlg, ..l'Enquête parlementaire sur les actes du gouvernement de la Defense Nationale.quot;

ocr page 44

— 40 —

De inboorling van Algiers, de Arabier, veracht den Jood, en dermate, dat hij zich onteerd zou achten, indien hij er een doodde; wat hij in hem verafschuwt, is zijn bedrog, zijn woeker, zijn laagheid van karakter, i) Drumont verhaalt van Joden, die door hun sluwe streken den zwarte tot 600 percent afpersen! 2) In den oorlog tusschen de Franschen en Abdel-Kader waren alle spionnen Joden; zij stonden aan den kant, waar hun het hoogste loon geboden werd 3). Na Frankrijks val bij Sédan vierden de Joden een monsterfeest te Constantine waar zij hun hartevreugd den vollen teugel vierden 4). Het waren Joden ook, die den Franschen generaal Walsin-Esterhazy met Spanjaarden en Malthesers in Algiers zelf aanvielen op 28 Oct. 1870. 5)

Wij stippen slechts eenige feiten aan; de Arabier kent er honderdmaal meer, — is het wonder, dat hij den Jood veracht?....

En dat kinderlijk volk met reuzenmoed en reuzenkracht, dat met een onversaagdheid, die den vijand een kreet van bewondering ontlokte, bij Worth, zevenmaal met de bajonet door de Duitsche drommen vaagde, dat als één man den dood in de armen snelde bij Weissenburg, zij, de dapperste der Fransche troepen in Mexico en Italië, in de Krim, en in '70 op Frankrijke gehavende velden, — is het wonder, dat het de polsen voelde koken, toen die lage, vaderlandslooze Jood, die den schuimenden beker in Constantine ophief, toen geheel Frankrijk in rouwe lag, die nooit ridderlijk het staal voor de Franschen ontbloot had, op den 24sten October 1870 met het Fransche burgerrecht werd begiftigd?.....

Het dekreet was geteekend:

Crémieux, Gambetta,

Glais-Brison, Fourichton Tours. 6)

De Bach-Aga, Ben Ahmed El Mokrani, ontvangt het stuk. Hij leest. Hij verbleekt van woede, en op het papier spuwend spreekt hij;

gt;Ik gehoorzaam niet aan een Jood!quot; 7)

EI Mokrani was een held, lezer! Hij dorst het woord spreken,

1] Lettre de l'empereur a M. Mahon, gouverneur d'Algcrie 1862, „La Francequot; 3 Jul. 1884. Lettres a Patrizzi Mérimée\ Les Israélites d'Algers Bouzet.

2] Lettre de l'empereur; Red us „France, Algérie. Colonies.quot;

3] Villot, kapitein te Algiers.

4] Drumont t. a. p. Dagbladen.

5] Kapt. Warnier, die Walsin verdedigde, aan Guichard.

ó] Alle stukken die op het dekreet betrekking hebben, zijn verloren (de la Sic0tiere) 7] Drumont t. a, p. Dit woord is beroemd in Frankrijk.

ocr page 45

— 41 —

hetwelk zes en dertig millioen Franschen i), en misschien vier mil-lioen Nederlanders te machtig is!....

Hij was een edele borst niet minder! Vat hij de wapens op tegen Frankrijk? Neen! Hij wacht tot de wond van '70 genezen is, en dan verklaart hij den vijand, wiens trouwste vriend hij geweest was, den ridderlijken strijd 2).

Hij valt... maar hij heeft aan geen Jood gehoorzaamd!

Hij valt... als hij ziet, dat de kamp verloren is, en zijn volk vruchteloos wordt weggemaaid.

Hij valt,... en met hem vallen duizende Franschen en duizende Arabieren,... en de Joodsche bokalen rinkinken nog ééns door de feestzaal, en Garabetta en Crémieux wierpen elkander triumfante-lijk een glimlach toe.

Vergeefsch trachtte de kamer later 3) het dekreet der burgerverklaring in te trekken 4). En toen Rochefort algemeene kwijtschelding van istraf voorstelde 5), verzette zich vooral de haatdragende Jood, omdat onder de gevangenen nog vele Arabieren waren. Het voorstel ging niet door.

Zoo was de Jood gewroken over de minachting hem door de zwarten betoond, over de diensten door de Turco's in 1870 aan Frankrijk bewezen.

En weldra speelde in Algiers de Jood Kanoui de rol, die de Jood Gambetta in Frankrijk vervulde 6). En thans tellen er de Joden 1580 kiezers, hoewel zij er nog op geen 500 recht hebben 7), en zij huwen buiten de burgerlijke wetten 8), en zij onteigenen de Arabieren 9), en stelen en woekeren naar hartelust 10); Algiers is hun prooi!... En toen op den i3den Maart 1883 de bewerker van dit stuk, de Stichter der Heilige gt;Alliancequot;, Crémieux, op den Mont-Farrasse werd begraven, zag men rond de groeve alle igrootequot;

1] Zouden Duitsche officieren, waaraan de jood tot 300 0/0 afperst ook niet recht hebben eindelijk het juk af te schudden? Helaas de wet (dus het recht!!?) waarborgt hun tyrannie in Duitschland. Zie Mdes Reiches Nothquot; G lag au.

2] General Dullot. ,,La Vérité sur rAlgérie.quot; 1871,

3] 21 Aug. 1871.

4] Lambrecht, die vooral de joden in de Kamer hinderde, stierf plotseling tijdens de debatten. Wonder!....

5] 11 Feb. 1886. Zie ook „l'Evénement,quot; artikelen van A. Schol/.

6] Bouzet, „Les Israelites indigenes de l'Algerie.quot;

7] Officieele lijst van Maart 1875 — dus na 2 jaar ! quot;t Zal nu wel verdriedubbeld zijn.

8] Drumo/it t. a. p.

9] .Journal des Debatsquot; — Serre ,.Les Arabes martyrs.quot;

10] „Courrier d'Oranquot; 8 Oct. 1882; „Ie Petit Africainquot; Autum, raadslid van Oran in 1883.

ocr page 46

— 42 —

Joden geschaard; Kamerleden, Prefekten van departementen, raadsleden, Presidenten van hooge rechtbanken en anderen.

En naast het graf stond de banier van gt;het Joden-Verbondquot;, en dé.Ar lag het marmer met het opschrift door den Jood zeiven gesteld.

LÉVY CRÉMIEUX STICHTER VAN HET JODEN-VERBOND.

Het nageslacht zal niet weten te beslissen of dit Verbond, of de zaak van Damascus, i) ofwel die van Algiers,quot; het schoonste werk der nieuwere tijdenquot; geweest zij: misschien zal het eenmaal de oogen openen en tot de ontdekking komen, dat op dien i3dt;n Maart teen der grootste schurken der nieuwere tijdenquot; ter aarde werd besteld!

Gaan wij verder in Frankrijks geschiedenis.

MAC MAHON.

Mac Mahon kwam aan het bewind. Regeerde hij ?..... Waan:

het niet! De Joden Castries en Sina dreven hem, schoon hij het misschien zelve niet wist 2). Als Frankrijk Ypsilanti voorstond als president voor den Griekschen troon, het was omdat deze man schoonzoon van den Jood Sina was; de onderhandelingen met Dulcigno, Kokhinos en Tricoupis vinden in der Joden bemoeiingen hun verklaring. 3)

De beide andere »invloedrijkequot;(l) mannen dier dagen, de hertogen Decazes en de Broglie 4), waren eveneens speelballen der Joden; Leon Say 5), de rechterhand van Rothschild, bestuurde den laatste, en Hirsch regeerde Decazes. 6)

1] De moord van P. Thomas in 1840, Door Cremieux's invloed kwamen de moordenaars vrij. Zie het aangehaalde werk van Laurent.

2] Zie voor dit tijdperk Drumont 1. 420—436.

3] Drumont t. a. p. 430. Vergelijk blz. 46 van dit geschrift.

4] Ondanks zijn onnoozel boek ,,Des incapautes politiques des juifs.quot;

5] Men beweert dat hij natuurlijke broeder van Rothschild is; wat er van zij. zeker is Say de speelbal van den joodschen bankier en zijn kornac in de christenmaatschappij.

6] Drumont 1. 428—431.

ocr page 47

— 43 —

En Mevrouw de Baronesse Alphonse de Rothschild kon in haar gloeiende vaderlandsliefde(ll) veilig den Duitschen gezant i) belee-digen, die er zich over beklaagde aan Decazes. Maar de hertog kan het niet gebeteren; die geheele komedie was immers bestoken werk van de mannen, d'e hem te machtig waren. 2)

V O N A R N I M.

Wie herinnert zich den strijd op leven en dood tusschen Bismarck en den Duitschen gezant in Frankrijk, — Graaf von Arnim — niet, met von Arnim den eenigen man, die met den Rijkskanselier vergeleken kon worden f'

Lees de stukken door von Arnim uitgegeven; wat bevindt ge? — dat Bismarck handelde met Joden, in Duitschland, in Frankrijk niet minder, waar Deutch zijn tolk was bij zijn vrienden, de Republikeinen 3). Von Arnim wilde de gevaarlijke indringers weren. Wie moest de zegepraal behalen?quot;.... 4)

CONGRES VAN B E R L IJ N.

Keeren wij naar Frankrijk terug.

1) v. Arnim.

2) Zie ,,Les Antecedents du proces d'Arnimquot; Plou. Brief van Decazes aan von Arnim (12 Dec. 1873.) Men zou verwachten, dat de minister Decazes aan den be-leedigden gerant had geschreven: „als die vrouw u in mijn salon gehoond heeft, zal ik haar mijn salon ontzeggen.quot; — Niets daarvan ! — Eenige woorden in de lucht, en de zaak was gereed, 't Gold immers de vrouw van den baas !

3) Drumont geeft op meerdere plaatsen de betuigingen van Bismarcks' tevredenheid over het Gouvernement, dat Frankrijk in den grond boorde ten bate van Duitschland.

4) Zie de stukken die von Arnim uitgaf.

ocr page 48

De Rus had den Turk verslagen en het Berlijnsche Congres zou den ovenvinnnaar aangeven, wat voorwaarden hij den overwonnene stellen mocht.

Ook Frankrijk was in de Europeesche vergadering vertegenwoordigd; ten minste, wat in het land van Lodewijk XIV en Henri IV nog recht op vertegenwoordiging had: de Jood. i)

Waddington, een Engelschtnan, is Frankrijks gezant.

Kunt gij het uitleggen, dat Frankrijks onderhandelaar, Frankrijks natuurlijken bondgenoot, Rusland, met alle kracht tegenwerkt, aan Engeland, zijn natuurlijken vijand, Cyprus, en daardoor de gemakkelijker inbezitneming van Egypte verwerft, en als eenige voorwaarde tot het nieuw op te richten koninkrijk Rumenië, de burgerverklaring der Joden in Bulgarye vordert, als gij niet aan het woord van den Jood Crémieux gelooft, dat Waddington gt;de onzequot; was 2) dat hij de gezant was van »de natie?quot;

Aan Frankrijk werd weer een gevoelige stoot toegebracht, zijn macht kreeg weêr een knak, zijn aanzien weer een slag in het gezicht,..... was het niet een nieuwe triumf der Semieten? 3)

Vergeefs reisden de Rumeniers Bratiano en Catargi door Europa; Frankrijk bleef onverzettelijk bij zijn eisch. Alsof de Joden in Rumenie met de Fransche staatkunde iets gemeen hadden L..4)

Sinds werd het arme Rumenie de weerlooze prooi der Joden-bent. Op haar beurt bewees Crémieux' «Alliancequot; den Engelschen (Franschen?) Minister Waddington een dienst: hij werd zaakgelastigde te St. Petersburg 5). En wat geschiedt?... De eenige persoon, dien hij op het officieele bal niet noodigt, is de minister van Giers, de eenige man, die Rusland trouw met Frankrijk verbonden hield! 6) De hoogste eer echter oogstte dit Joden-maaksel in, toen hij op het Congres van Londen, als Frankrijks onbaatzuchtige gevolmachtigde, ten gunste van Engeland, de ontruiming van Egypte door de Franschen steunde. 7)

Een duidelijker bewijs kan wel niet gegeven worden van een hartstocht, waarmede deze man Frankrijks belangen verdedigde!.....

1] Drumont 1. 449 en vlg, Chabauty ..Juifs et Franc-Masonsquot;. Papiers inedits du Duo de St. Simon. Quantin.

2] In eene vergadering der Alliance.

3] Zie de jubelkreten der „Archives israelitesquot; 13 Aug. 1885 en Les Magons-Juifs. X. Louvain.

4] Les Magons-Juifs: Appendice.

5] 1883.

6] ..Gauloisquot; 22 Juni 1883. Artikel van L. Teste.

7] Zie de „Statistquot; Aug. 1Ö84.

ocr page 49

Gelukkig verstoorden Rusland en Duitschland ter juister ure deze samenkomst van huichelaars en verraders.

Waddingston's historie is leerzaam als getuige van de wereldmacht der Joden »die sinds lang de geheime politiek in handen hebben.quot; i)

Nog is Frankrijk niet ten einde zijner rampen: de Jood is nog niet verzadigd.

DE G R O O T E ZAAK.

In 1870 was er een geheimzinnig woord geweest, dat in de hooge Jodenkringen onheilspellend de rondte deed: gt;den loop van den Nijl keeren;quot; later bleek de beleekenis dezer orakeltaal: Frankrijks macht moest op Duitschland worden overgebracht.

In 1872 was dezelfde wereld vol van gt;de groote zaak.quot; Deze was niet minder dan Frankrijks vernietiging. 2)

De Joden zagen de kans schoon; het land, dacht hun, was genoegzaam uitgeput; 3) de groote slag kon gewaagd worden, en op den bodem waar de Christen-Gallier dertien eeuwen eigen haard had bezeten, zou eindelijk de vreemdeling, de Semiet, als op eigen grond den voet zetten 4). Dit was: »de groote zaak.quot; Het fijn besiepen oordeel der Semieten vond het middel om dit groote iwerkquot; uit te voeren: een nieuwe oorlog met Duitschland. Maar hoe kon het uitgeputte Duitschland de kosten van dien ontzache-lijken oorlog bestrijden: Dit netelig vraagstuk werd opgelost door der Joden woeker-genie.

1) dKIsraëli. Coningsbij, zie boven. Over deze gelieele historie ook jodendom en Vrijmetselarij X, Turnhout.

2) Drumont 1. 464 en vlg.

3) Lettres de A. Hiibner au journal ,,La Liguequot; 21, 22, 23, 24 janv. 1885.

4) De jood Weill deelde dit Drumont zelf later mede.

ocr page 50

Het werd dan vooraf bepaald, dat ran Frankrijk 10 milliard oorlogskosten zouden geeischt worden en een aanzienlijk stuk grondgebied. Van de tien milliard zou de Jood er den Duitscher eenige vooruit betalen tegen hooge renten, en de waarborg, dat een gedeelte der veroverde streken aan hem zouden komen, i)

Eenzelfde meesterlijke slag wierp dus de Franschen van hun eigen gebied, en deed nieuwe millioenen in de kas der Joden vallen. Mocht deze onderneming goed beslaan, — het was de eind-triumf der gt;natie.quot;

Toen werd eensklaps Gambetta enthusiast voor het lang verdrukte vaderland,(!!!) voor het vernederde Frankrijk; toen dekla-meerde hij redevoering op redevoering en dreunden Cherbourg's zalen van zijn holdonderende zinnen; toen riep hij, voor de Griek-sche quaestie, de Franschen onder de wapenen; toen vlamden alle Joodsche bladen voor den heiligen krijg, en gold het plotseling de eer der Franschen, die sinds '70 ongewroken was. 2)

Laaghartige verraders!......

Maar Frankrijk bleef onbewegelijk. Bismarck zelfs aarzelde......

was de kans op een tweede Jeanne d'Arc onmogelijk?..... 3)

Christenen ! daar is eene Voorzienigheid!......

De zaak stond hachelijk voor den Jood. Ging de prooi hem ontsnappen? 4) Nog eenmaal beproefde hij het uiterste, om het afgestreden Fjankrijk in het harnas te jagen.

Het voorval in de Rue St. Marc 5), greep toen plaats.

Voor een Duitsche gymnastiek-vereeniging, waarin vele Joden waren, onder een Joodschen Voorzitter Mayer,— een van de duizend,— richtten eenige Fransche Joden een feestmaal aan. Uitnoodigings-brieven werden rondgezonden gt;men rekende op een talrijke opkomst.quot; Een biljet verdwaalde(?) en kwam een Christen Meier in handen.

Dat er nu vele Duitschers in Parijs zijn, mag de vaderlandslievende Frank met leede oogen zien, — evenwel niemand beschouwt

1) Drumont 1. p. 465—466.

2) Zie dc dagbladen van dien tijd.

3) Drumont 1. 468.

4) Frankrijk was toen inderdaad een weerlooze prooi voor Duitschland. Bleek dit niet toen generaal Farre (voor den oorlog in Tunis) de soldaten te Rrives. dc paarden in Perpignnn, de zadels in Versailles moest gaan hnlen? Zoo behendig was het leger in staat van volslagen wanorde gebracht.

Zie de ..Grensbotenquot; over Thibaudin toenmalig minister van oorlog.

5) Drumont t. a. p. Dagbladen van dien tijd, J. de Magdeleine. 1,

ocr page 51

— 47 —

dit noch de gevraagde «talrijke bijeenkomstquot; ran Duitsche »zwa-lersquot; en Joden als een gt;casus belli.quot;

Niemand, behalve?.......

De Jood Laurent vat er vuur op in het blad van den Jood Weill Picard, boezemvriend(l) van den Jood Gambetta. Dat vuur schiet over geheel Frankrijk uit, »de staat werd bedreigd,quot; gt;de Duitscher bestookte het Vaderland in Parijs zelvequot; te wapen! te wapen!.... i) De heethoofd Deroulède kookt van woede tegen de Duitschers, en had de God der Franken het niet verhoed, de vonk door den vuigen Jood uitgeworpen, was in laaie vlammen uitgeslagen heel Frankrijk verzengen en verterend!.....

De list mislukte, maar de aanleggers van het stuk zijn er niet minder schuldig en verachtelijk om!......

T U N I S.

Walgt het U nog niet van kuiperijen, volg mij dan nog in de

ZAAK VAN TUNIS en TONKIN. 2)

Wij leerden Gambetta, Crémieux en Waddington kennen; ziehier twee nieuwe figuren: Ferry en Paul Bert.

De zaak van Tunis is het werk van den Jood Gambetta en den Hoofd-agent der Joden: Ferry. 3)

Een zekere Jood te Roustan — eertijds tot 20 jaar galeistraf veroordeeld, daarna gezant in Tunis, later in Washington 4), — vermoordt met behulp van Elias Mussali, huisvrouw van den Mar-nef van Tunis, eenige Fransche soldaten. De Marnef, die zich zoo

1) Dagbladen van dien tijd.

2) Drumont 1. 471—480, J. de Mag dele ine 1. 100: Jodendom en Vrijmetselarij X. Turnhout.

3) Brief van Drumont aan A. van Ros 1887.

4) Waar hij algemeen bespot en gehoond werd.

ocr page 52

- 4« -

vriendelijk tot het schandelijk bedrog, — dat thans volgen gaat, — leende, wordt commandeur van het Legioen van eer geslagen.

De Joden Naquet en Volterra wisten terzelfdertijd gebruik te maken van den haveloozen toestand van Mustaphi's geldzaken; zij vroegen hem zijn grond tot borg, en zij zouden zijn schulden dekken. De argeloozc Bey stemt toe. Maar wee, wie met de Joden begint! Al dieper en dieper viel de Afrikaan in den kuil hem door den Semiet gegraven; het kwam tot een proces met de Joden. Mustaphi weigerde volstandig hun woekerzucht te voldoen, i)

Israel amp; C0 vond, dat die moord door eene Tunesische op Franschen gepleegd, en dat die halstarrigheid om zich te laten uitzuigen, moesten gewroken worden: Ferry verklaart den oorlog aan de »Krou-mir'squot; een vijand, die — men kwam het later te weten, — nimmer bestaan heeft. 2)

Terwijl de kamers uiteen zijn, worden millioenen voor de Kome-

die-uitrusting besteed..... ik wil zeggen gestolen uit de staatskas. 3)

De Opperbevelhebber van den gt;krijgstochtquot; is Favre, dezelfde Jood, die in Frankrijk den ridderlijken Ducrot den staf ontwrongen had; de man, die met de leverancieën belast is, de Jood Chemla, ook de onderbevelhebber des legers, generaal Lambert, is een Jood.

De groote fondshouders van de'Funesische maatschappij, 24 Maart 1S85 opgericht, zijn natuurlijk eveneens Joden; onder de volgende namen, hoevelen van de Natie; Gery, Thors, Sautter de Beauregard, Bloch, Volterra, Rey, Levy, Cesana en Mustapha, het kind van de rekening.

Derhalve: om een moord te wreken, die besteld, betaald, en met een ridderkruis beloond was, om een onafhankelijken Bey te dwingen zich vrijwillig te laten uitmergelen 4), wordt de oorlog verklaard aan een vijand, die niet bestaat.

Gij vraagt: maar in Gods naam, wat was het doel?...... Aanstonds lezer!.....

De oorlog vangt aan, — lach niet lezer, de zaak is te ernstig, — de oorlog vangt aan;.... geen Kroumir's.

De Franschen rukken verder...... niets te vinden.

1) Zie meerdere bladen „Figaroquot; 9 en 11 juli 1885, vat de gebeurtenissen goed samen.

2) Drumont 1. J. de Magdelcine 1.

3) Gerechtstukken van het proces le Roustan aangedaan. De jood Picard trachtte vergeefsch de akten op te koopen.

4) Proces van le Roustan.

ocr page 53

— 49 —

En de brandende woestijnwind, en de heete koortsen werpen honderde soldaten neer.

En in de hospitalen zijn geen bedden, geen oppassers, geen geneesmiddelen; de dood maait verwoestend door het leger.

De troepen trekken voort; de Kroumirs heeten altijd voor het Fransche leger uit te vluchten. Immer gaat het dieper de wildernissen in, en immer neemt de sterfte toe; de geneesheer, die de Ur dood verwezenen volgt, getuigt, hoe van de 50,000 Franschen er 18000 ter plaatse het leven lieten; tel, zoo ge kunt, degenen, die tengevolge der uitputting later bezweken 1 1)

En hoor; daar joelt de zegezangl Daar galmt het in Frankrijk van triumfen op de vermetele Kroumirs behaald; 't is het lied van de Joden-bent!

En het doel is getroffen..... de Tunesische stukken stijgen van

100 tot 500 percent. Ziedaar het muaaromquot; der onderneming, lezer.

En met een zoeten glimlach verkondigt Gambetta in de kamer dat de eer van Frankrijk gewroken is, en de Tunesische strijd het bagatel van 1500 Franschen gekost heeft.

En wat zijn 1500 Franschen, waar de Jood er eenige millioenen mee verdienen kan!....

Nog eenmaal moeten wij ons vermannen den poel der Joodsche politiek in te gaan.

TONKIN.

Het geldt thans de aangelegenheden in Tonkin. 2)

t] 'Appel au Peuple dc Gcrs» van dien lijd. 2] Druuwnt t. a. p. J. dc Magdeleine t.

4

ocr page 54

gt;De gronden eener onderneming naar Tonkin werden volgens het Jodenblad gt;de Gaulois,quot; geworpen in de straat de Lancry; het waren natuurlijk Joden: Gunzburg Ulmann, Lockroy, Levy enz. die dit gt;schoone werkquot; verrichtten.

Wat Raoul-Duval in 1884 den moed had een dagbladschrijver te bekennen, was waarheid: van den aanvang der onderneming naar Tonkin af: gt;In dat land is niets te halen.quot; 1)

Niets te halen ?

Dc oorlog, die nimmer verklaard werd, verslindt er tienduizend Franschen en verrijkt den Semiet met 800 millioen; Ferry vroeg 200 millioen om een traktaat door een Engelschman te laten sluiten, een traktaat, waarvan het schitterend gevolg was, dat aan Engeland het eenige punt werd prijsgegeven, dat in die streken voor Frankrijk van belang kon heeten 2). De spoorwegen, over 16 mijl door zandige grondtn aangelegd, verslonden uit de Staatskas de ongeloofelijke som van 16 millioen 3), en gij onnoozele Du val durft met anderen beweren, dat in Tonkin niets te halen is?... Werd Frankrijk er dan niet onteerd, bedrogen en ontwapend, werd de Jood er niet verrijkt?

Gij staat versteld, lezer, en vraagt u met verbazing, misschien met verbittering af, wat de man, die deze onderneming aan het Gouvernement schaamteloos aanried, moet voorgegeven hebben, dat de Regeering zich zijn voorstel dorst aantrekken.

Och, lezer, waar de Jood eenmaal meester is, gaat het brutaal toe!

De Joden vroegen eenvoudig: het oprichten van teen bankquot; niets meer dan dat.

Dal was de * ondernemingquot; naar Tonkin.

En wie waren de aanvragers? De Joden Dietz-Monin en Bozerian dezelfden, die in den Senaat weinige dagen te voren den oorlog in Tonkin, in naam van Frankrijks eere, met de krachtigste bewoordingen hadden aangedrongen 1... 4)

Opdat derhalve deze woekerij beslaan zou, opdat de verre stammen en volkeren zich lijdzaam zouden laten uitmergelen, moest de

1) 't Zelfde getuigt Alide Bleson, door het ministerie naar Tonkin gezonden, hetzelfde de vice-admiraal Duperré, gouverneur van Cochinchina. De Jodenblnden zongen den rijkdom des lands. Zie «rindépendaniquot; van J. Ferry.

2) De eilanden «Pescadores» [«Times» van dien tijd].

3) Drumont t. a. p.; dagbladen.

4) Senaatzitting. Zie Drumont t. a. p. I 479—480.

ocr page 55

— 51 -

Galliër duizenden zijner zonen aan Barrier-Chauffbur, neef van Ferry, als eerewacht medegeven!

Ziedaar de «oorlog in Tonkin!quot;

De nobele Christen-admiraal de Coucy weigerde echter den schurk Barrier de hand te leenen i); Coucy wordt afgezet, en de belange-looze Paul Bert 2) vervangt hem.

Toen slaagde het werk, omdat het een »Joden-werkquot; was.

Later, leen door de inmenging der Chinezen de Franschen bij Lang-Sou deerlijk verslagen werden, toen het uitkwam, dat hun bevelhebber een Duitsche Jood was, zekere Herbinger. een man door de «Republique Fran^aisequot; 3), dat is door den Badenschen Jood Spulier, vriend van Gambetta, als een tweeden Kleber geroemd — toen het uitlekte, dat de groote Baron de Rothschild tot Rothschild de Chineesche leening had aangenomen, en aan de Chinezen wapenen tegen Frankrijk had geleverd 4), en aldus het vaderland had verraden, waartoe hij minstens, natuurlijkerwijze gesproken, gerekend werd te behooren, — toen begonnen de Kamers op den inval te komen het Gouvernement rekenschap van zijn handelen te vragen. 5)

En de stukken die, wie twijfelt er aan, het ongerepte bestuur van Ferry zeker iriumfante lijk hadden verdedigd, — hoe jammer, — zij verbrandden op het oogenblik, dat zij moesten worden overgelegd. En de gt;Matinquot; vond dit zeer toevallig, op den toon waarop eertijds onze Jood Pincoffs zich heeft »verwijderd.quot;

Maar dien dag (29 Maart) werd Ferry onder den hamer van Cleraenceau verpletterd.

En duizende fransche moeders weenden over het verlies van hun zonen, en de Jood grijnsde van voldoening, toen hem de nieuwe millioenen in handen kwamen, toen Frankrijk een nieuwen smaad was aangedaan, toen weer duizende gehate Christenen om het leven waren gebracht!

De Jood heeft zich in de politiek gedrongen. Frankrijk in '70 vei raden en ten ral gebracht, —

1) Brief van i Dec. 1885 aan den Minister van Oorlog.

2) Zie No IX van dit geschrift, over Paul Bert.

3) 31 Mei 1885.

4) cTimes» 1885.

5) 28, 29 Maart.

ocr page 56

— 5a —

zijn zonen geslacht in de Commune, hen uitgehongerd door zijn afpersingen, geld en goed dier Franschen gestolen in het land, dat hem goedgunstig opnam, —

Frankrijks bondgenooten van Frankrijk vervreemd in Algiers, zijn naam en aanzien bezoedeld en onteerd in den vreemde, —

in Algiers, Tunis, Tonkin en Egypte, uitgeschud en vermoord: Frankrijks beschermelingen, Frankrijks onderhoorigen, Frankrijks burgers; ziedaar de akte van beschuldiging, die het getergde rechtsgevoel tegen den Jood indient!...

Verlaten wij den druk der Joden-politiek: het walgt onsl...

1 ■

Het bijzonder leven van den Jood schetsen wij slechts in enkele trekken, i)

Groote familieën heeft de Jood niet; adel 2) of ridderschap kende hij nooit 3). Zijn goud heeft hem den naam der beroemde Fransche geslachten gekocht. Een hertog de Richelieu huwt met de Jodin Heine, een de Persignac met Friedmann, een de Polignac iret Mires, een la Panousse met Heilbronn.

Hun goud ook »verdiendequot; Hirsch en Rothschild deeerbaior te spelen, hun goud verwierf hun de beroemdste eigendommen van Frankrijk. Hirsch troont te Versailles; koning Rothschild regeert te Ferrières, Ephrussi te Fontainebleau.

Dit nog voorbijgezien.

1) Drumonl I, 119 en vlg. IT, 71—300; J. de Magdeleine Ia Francc jntvo T. 200-975. a) Den gekochten adel der vergulde Rothschilds etc. tellen wij niet.

3) Zie ook. voor dc laagheid en veilheid van den jood, het 1'ortret dat Kenan van hen schetste. (Revue des deux mondes) 180».

ocr page 57

— S3 —

Werpen wij een blik op den gt;koning van Versailles.quot;

Eigenmachtig geeft hij zijn Tgt;wachtenquot; het bevel op de vreemdelingen, die zonder verlof zijn tuinen intreden, tte schieten;quot; en niemand denkt er aan, dien potentaat voor het gerecht te dagen, hem te bewijzen, dat het Baron Hirsch niet toekomt, den staat van beleg te verklaren!

Deze last wordt uitgevoerd. De »Tenipsquot; haalt feiten aan. i) Een officier en diens dochter lieten er bijna het leven bij. 2)

Deze fraaie baron, van Franschen adel, komt er openlijk tegen op, Frankrijk ooit bevoordeeld te hebben 3); en terwijl de schittering der Decazes, de Beaavoir, de la Ferronays, de Divonne, de Scépeaux, d'Hervey, de St. Dénis, in één woord, al wat in Frankrijk doorluchtigst wordt gevonden om hem wemelt, werpt hij een zijner familieleden dit honend gezegde toe; ïOver 20 jaar zijn die Christenen allen mijn schoonzoon of mijn knecht!quot; 4)

Een andere koning, nog machtiger dan Hirsch, is Rothschild.

Het »élyséequot; acht het eene eer dezen man te ontvangen. En toch is hij afstammeling dier brutale opkomelingen, wien zestig jaar geleden driemaal den toegang tot de Tuillerien geweigerd werd, en die door de Hertogin d'Angoulèrne met een sfiquot; werden aan de deur gezet. 5)

Met zijn milliard en dwingt deze Jood alles, omdat men laf genoeg is zich te laten dwingen, en niemand den moed heeft E Mokrani na te zeggen: gt;Ik gehoorzaam niet aan een Jood!quot;

De igrootequot; Ephrussi is menschelijker dan onze twee baronnen; maar sde Jood blijft Joodquot; zeggen de Israëlitische Archieven (1864.)

Toen zijn schoondochter eenmaal in St. Petersburg was, noopte men de keizerin, haar met andere dames te ontvangen 6). Onwillig stemde zij toe.

gt;Waar zal ik haar aan uwe Majesteit voorstellen?quot; had de hof-heer gevraagd?

«Bij het uitgaan.quot;

De beminnelijke vorstin spreekt alle de aanwezigen toe: bij de Jodin gekomen wendt zij het hoofd af, en verlaat de zaal.

1) Zie een artikel van Jules Claretie.

2) «Petit Versaillais.i)

3) In de «Gazette de Cologne.»

4) II. p. 87 Drumont. Dit woord is in Frankrijk berucht.

5) «Biographie des dames de la Cour et du Faubourg St. Germain 1826.

6) Zie bij Drumont II p. 102, hoe de dochters van den woekeraar Bleichrüder door de groote Duitsche wereld werd ontvangen.

ocr page 58

— 54 —

Nog beter handelde de Hertogin d'Alembert in Febr. 1888. Zij gaf haar eerste bal, — sinds den dood van den Hertog, — toen haar dochter haar i8de jaar bereikt had. De koning van België werd uitgenoodigd. Zijne Majesteit vorderde, dat zijn bankier, natuurlijk een Jood, eveneens verzocht zou worden. Met fierheid antwoordde de Hertogin: gt;lk kan wel mijn bal niet geven, maar een Jood in mijn salon toelaten, dat kan ik niet!quot;

Mochten alle Christenen begrijpen, dat hij, die de onze niet is, ook niet als de onze verdient behandelt te worden.

Op een ruwe kwast past een harde bijl, zegt ons Hollandsch spreekwoord.

Wat is er in Frankrijk, onder den Jood, geworden van handel en kunst, van openbare veiligheid, van de rechten van den mensch?

De handel is onder het Jodenbestuur verslapt en verlamd. 1)

De eerlijke koopman klaagt erbarmelijk, het land ligt voor drie kwart onbebouwd; de wijnhandel alleen bloeit en brengt tweemaal meer op dan voor tien jaar.

Blanc de Saint-Bonnet zegt: «Toen de Kerk ons wilde vrijwaren tegen de Joden, tegen den woeker, in één woord tegen alle misbruiken in den handel, hebben wij niet willen toestemmen. De gevolgen zijn: gebrek aan zaken, die strekken ten levensonderhoud, overvloed van weelde, nooddruft en ondergang van de menigte, dat is; Pauperisme.quot;

Ziedaar een algemeen overzicht.

Wilt gij bijzonderheden?

FÊTES DE CHARITÉ.

De Jood heeft zich vooreerst op vroeger geheel onbekende middelen geworpen, om geld te verdienen; vergaten wij ook Tunis, Tonkin, Algiers en Egypte?

1) Zie l'Enquête sur la situation des ouvriers et des industries d'art» Belvalette, «Rapport sur les musées et les écoles d'art» M. Marius.» Verder Pagny, Hamel enz. Drumont II 282—300, die vreeselijke bijzonderheden geeft uit statistieken en officieele opgaven genomen. J. de Magdeleine Ie Deel p. 260. tie Radical* 2 Jan. 1885. *1'Intransigeant» Janv. 1885, etc. etc.

ocr page 59

55 —

Thans een woord over de gt;Fêtes de Charité i),quot; — die openbare liefdadigheids-tentoonstellingen, — waarvan de opbrengst altijd voor een groot gedeelte, zeer onliefdadig, in de beurs der Joden blijft.

Laat mij u eenige cijfers geven.

De gelden van de feesten in 1879 aangelegd, om de watersnoodlijders van Murcia tegemoet te komen, waren in 1883 nog niet

geregeld.... De renten ?.....

Bidault, een der leden van het Comité en Prefekt van de sSeinequot; bleef op alle vragen het antwoord schuldig. 2)

De 165,000 francs, die voor Ischia 3) heetten te zijn verzameld, zijn bij menschenheugenis nooit terecht gekomen; de kosten ter voorbereiding dier barmhartigheids-kermis bedroegen 250,000 francs; een raadselachtig cijfer voor wie de 200 millioen vergeet, die Ferry

noodig achtte om een traktaat te laten sluiten....... En alle bladen

zongen in lyrische opgewondenheid de edele onthechting van de nog edeler aanleggers van dit feest.

Het medelijden met de cholera-lijders bracht een schitterend tekort op 4), waaraan de Jood Daumas 17,000 franc voor de moeite verdiende. Hij vond het echter raadzaam, daar over de grenzen van te gaan genieten. 5)

De Joden Proust en Spitser 6) houden eene loterij en trekken de prijzen, terwijl de loten, raar bevind van zaken, voor het grootste gedeelte niet geplaatst zijn. Voor dit jschoont werk der nieuwere tijdenquot; moesten de argelooze houders der stukken 800,000 franc aan gelag betalen.

Waar te eindigen ?

WOEKER.

Wat van den JodenwoEKER in Frankrijk te zeggen ? Het wemelt ons voor de oogen, als wij dat geharrewar zien !

1) Drumont 11, 123—142.

2) «le Clairon» 20 Mei 1883.

3) «la France» 14 Maart 1884.

4X De «Lanteme» 17 Sept. 1884 had deze «onderneming» tot de wolken verheven. 5; «Times» van denz. tijd.

Deze zaak werd uitgevoerd onder het hooge toezicht van 2 ministers; zóó ontsnapte men ten minste aan de gerechtelijke vervolging.

6) Drumont II 135, 136, 137.

ocr page 60

— 56 —

Laten wij slechts den einduitslag beschouwen.

Gelooft gij niet, dat den vaderlandslievenden Drumont een traan is ontvallen, toen hij tot het besluit kwam:

De Joden bezitten 80 van de 150 milliard die in geheel Frankrijk gevonden worden, terwijl zij nog geen 6oste deel der bevolking ukmaken. 1)

Waarom nog in bijzonderheden treden? Waarom nog ééns gejammerd over het onrecht Bontou aangedaan; hij had hoegenaamd geen schuld, — maar hij vertegenwoordigde een Christen-lichaam, het eenige ter wereld, dat tegen de Joden bestand was: de »Union Généralequot;; waarom nog ééns verhaald 2), hoe hij in '85 viel door Rothschild's valsche streken, en de verraderlijke slagen hem door de «Alliancequot; onder Cammondo toegebracht; hoe hij bankroet werd verklaard, terwijl er nog millioenen in kas waren, hoe de direk-teuren, op de aanwijzing van een enkelen, door de Joden omge-kochten man, in hechtenis werden genomen; hoe Bontou's voormalige compagnon, de Jood Feder, thans een der grootste bankiers van Berlijn is. Dit alles is bekend.

Waartoe er nog op te wijzen, dat de Rothschild's in 1803 Frankrijk intraden zonder meer dan de kleederen, die zij droegen; dat zij geen meter bebouwd, geen enkele uitvinding gedaan hebben en dus de milliarden, thans hun eigendom, eenvoudig aan de Franschen onttrocheld hebben? 3)

Waartoe, van Frankrijk uit, nog een blik over de geheele wereld te werpen om te ontwaren, dat de helft van het geld in Joden handen is, terwijl zij nog geen honderdste deel der menschheid tellen? 4)

Waartoe hen in hun zwendel, hun woeker, hun list en bedrog in het rampzalig Frankrijk gevolgd, — wij hebben al wel van uw kunst, Joden! Wij vatten samen:

De Jood Gambetta, de Joden Crémieux, Hirsch, Rothschild, de Joden-agenten Ferry en Léon Say; — de Joden Weill Picard, le Roustan, Dreyfus, Spuller, Cammondo, Lockroy, Laurent en het legio Joden Simon, Jacob, Mozes, Mayer, Meier en Maier, hebben Frankrijk millioenen, wij moeten zeggen milliarden ontstolen.

1) 45,000 is het officieel door de «Archives Israelitesquot; gelogen cijfer der joden-bevolking. Het ware schijnt ongeveer 500,000 te wezen.

2) Drunioiit II p. 99 -106.

3) ,, t. a. p. y. de Magdeleine I.

4) ,, ibid.

ocr page 61

— ST —

Toch hier nog één staaltje; de gt;Franco-Egyptische Bankquot; van Jules Ferry en familie, i)

Frankrijks geschiedenis is een tijd lang de geschiedenis van dit Jodenmaaksel geweest, en zijn geheele geschiedenis was eene geldzaak. De genoemde bank had er ruim aandeel in.

Jules' broeder — Charles Ferry — had haar met Crémieux geregeld, eene waardige vennootschap!

Wat is de Franco-Egyptische Bank? Rene maatschappij van Joden onder het bestuur van den Jood May, die vooral ten doel had de arme Fellah's in Egypte door leening van kleine sommen tegen hooge interesten uit te zuigen; eene maatschappij van woekeraars, die den arme, welke onder Frankrijks bescherming stond, vervolgde en tot zijn laatsten penning afperste. 2)

Het zegenrijk gevolg dier »ondernemingquot; echter was, dat, onder andere, de voormalige katoenkoopman Ferry twintig maal milli-onair werd, en in 1884 in de straat St. Georges een huis van

250,000 gulden kon koopen....... waar zeker het gejoel en gewoel

van dans en feestzaal het gezucht en gekerm der arme Fellah's

gemakkelijk overstemmen kon!.....

Nog twee trekjes.

Op de »Che mins de Fer du Nordquot; verdienden de Joden in Frankrijk eenige milliarden 3); in Duitschland, bij den aanleg der spoorwegen, op de 600 millioen, die voor het werk besteed werden, 250..... 4)

't Is goedkoop reizen met de Joden!

Laten wij ook eens lachen bij zooveel treurigheid. In 1883 vroeg de burgervader Brochier van het Fransche Gouvement 25,000 francs voor gebruikt postpapier, en 60,000 francs voor pennen en penhouders! Men schreef daar zeker met tien vingers tegelijk!...

ocr page 62

_ 58 -

TOILETTEN.

Een andere bron van inkomsten, voor de Joden, zijn de Parijsche

toiletten. l)

De gt;meesterstukkenquot; van Kahn, Félix, Legault, Rodriguez enz. onder het hooge toezicht van den Jood Dreyfus gesneden, geplooid, gekruld: — japonnen, shals, keurlijven, en weet ik wat al meer, ontlokken verrukte ontboezemingen aan de kranten; geheele kolommen worden met deze beuzelarij-dithyramben gevuld; tot groote voldoening van den direkt-ur dezer maatschappij van ijdelheid, hij, eenmaal marskramer thans tienmaal millionnair. 2) August Meier 3) maakte zijn ontzachelijk kapitaal met hetzelfde tschoone werk der 7iieuwere tijden.quot;

Van de leveringen aan het Gouvernement spreken wij niet; men begrijpt, dat de vriendjes en de broertjes overal, immer geholpen worden.

SPEELHUIZEN.

Maar de speelhuizen 4) mogen wij niet onbesproken laten.

Bijna alle zijn in Joodsche handen 5). De gt;Figaroquot; 6) begroot de verdiensten van 25 huizen in 5 jaar op Ó5 millioen francs, de »Matinquot; op 120 7); dat is dus in een milliard. {1000 m\\\iotn.)

En weet nu, lezers, dat er in Parijs 110 speelbanken zijn 8); er gaat das ongeveer alle 10 jaar duizend millioen franc van Christen in Joden handen, alléén aan de speeltafel! !

Het huis in de Rue Rivoli beurde in 13 maanden 800,000 franc en verklaarde zich toen bankroet. 9)

Daar snijdt men de beurzen in het groot 1.....

1] Drumont II; y. de Magdeleine I.

2] „ „ p. 160.

3] ibid.

4] Drumont II p. 151 en vlg. J. de Magdeleine I. Andrieux Souvenirs, «la Ré-publique Radicale» Dec. 1884.

5] Drumont t. a. p.

6] Febr. 1884.

7] 21 Oct. 1884.

8] in Juni 1883. Drumont II.

9] Drumont t. a. p.

ocr page 63

Een afgevaardigde, vice-president van de kamer, schaamde zich niet, als bestuurder zijn naam aan zulk een vloekhuis te verbinden. In alle groote hotels werden uitnoodigingen afgegeven om deze inrichting te bezoeken, i) De Jood Landau was baas van het pand; hij werd vervangen door den Jood Kahn, vroeger directeur van de «Cercle de Parisquot; een huis van hetzelfde soort, — toen hij door zelfmoord een einde aan zijn leven gemaakt had. 2)

Zouden de millioenen bij benadering te ramen zijn, die de Joden door het spel aan de Christenen afhandig hebben gemaakt? 3)

WEDRENNEN.

En de wedrennen! 4)

Wie weet niet, dat de gt;bookmakerquot; bijna altijd een Jood is, en tonnen goud door allerlei listen en kuiperijen aan de renbaan den Christenen worden ontstolen?

Kondt ge eens spreken Chantilly en Lonchamps hoe zouden menig wedder van Clingendaal, Bussum en Nijmegen de ooren tuiten!...

KUNST.

De kunst ontwaart het eveneens, dat de Jood meester is, dat wil zeggen : dat zij tot een geldzaak verlaagd is. 5)

Proust, de Bestuurder van het groote Museum het Louvre, geeft den Jood Hecht in last 5 Courbets te koopen. Dit »werkquot; kost de fabelachtige som van 140,000 francs, terwijl in 1884 elders 5 der beroemdste Courbets voor 18,000 francs weggingen. 6)

De Jood Reinach laat, in naam van het Louvre, drie Frans Hals (?) komen; stukken, waarvoor Hollandsche en Duitsche kunstkenners de schouders ophaalden: zij heetten 100,000 francs te zijn betaald. 7)

1] ibid.

2] „

3] Zie nog «Figaro» 2 Maart 1884. «Gaulois» 25 Febr. 1884 het artikel «le Pot de Vin Arrazat.»

4] Drumont //, J. dc Magdeleinequot; I.

5] ..

6] .. .gt; 137. 138, 139'

7] „ 140-

ocr page 64

— 6o —

Rothschild koopt de »Vierge des Puitsquot; voor het Louvre; dit «schoone werk der nieuwere tijdenquot; kost, altijd naar zijn zeer vertrouwbare opgave 180,000 franc; en niemand vindt dat het doek waarde heeft behalve de Pers, dat is de Joden-kliek. 1)

Waar zouden wij eindigen?..... Is het wonder dat het Louvre immer daalt onder Proust en zijn Joden ?.....

T O O N E E L.

Ook het toonerl is der Joden eigendom 2); die vliegen azen op al wat blinkt!

Van alle groote Parijsche schouwburgen zijn de bestuurders Jo den: Carvalho, Koning, Mayer, Simon, Bernhardt, Samuel enz.; verklaart gij u haar zedeloosheid ? Is der Joden onzedelijkheid niet berucht? Is het niet bekend dat, betrekkelijk, de zegr groote meerderheid in de slechte huizen Jood is? 3)

De schrijvers en toonkunstenaars, die opgang maken, — door de fanatieke ophemeling der Pers, — zijn natuurlijk Joden : Halévy, Millaud, Créraieux, Decourcelle, Dreyfus, Blum, Wolff, Mayer enz.; de bonte koe likt het bonte kalf!

Slaagt een enkele Christen onder de Joden, het is eene uitzondering, die den regel bevestigt.

De beroemde spelers en zangers der latere tijden zijn eveneens Joden: Agar, Rachel 4), Samson, Mounet, Kraus, Salomon, van Zandt, Patti, Sash, Devries, Bloch, Heilbronn, Reichenberger, Sara Bernhardt en anderen. 5)

Willen wij hun talent ontkennen? Neen. Maar zij kunnen het ontwikkelen en ten toon spreiden, omdat zij aangenomen, beschermd, op den voorgrond gebracht worden; dit ontbreekt den Christen; zóó zijn de Joden de genieën van den dag.

Een Fransch meisje, van onvergelijkelijken aanleg, sprak weenend in Frankrijk zelve: gt;Ik ben Fransche, ziedaar waarom ik nooit iets worden zal.quot; 6) Dit is de volle waarheid; en het antwoord is verschrikkelijk voor wie het begrijpt!...

1) Druvioyit t. a. p.

2) «l'igaro» Feb. 1885. Drumont II, J. de Magdeleine I.

3) Spijtige bekentenis der «Archives Israelites» zelve 1887.

4) «Les autographes de Crémieux.»

5) Drumont II. p. 240—241.

6) „ t. a. p.

ocr page 65

— 6i —

BESTUUR.

De schurkeastreken, die de joodsche ambtenaren: prefecten van Departementen, rechters, burgemeesters en andere overheden uitvoeren, zijn ontelbaar, hemeltergend, i)

Aan hen hangt de openbare veiligheid; arme veiligheid! 2) Op de 87 Prefekten zijn er 52 Jood. terwijl op de 60 Franschen slechts 1 Jood gevonden wordt ! Dus betrekkelijk hadden zij nog geen recht op 2 Prefekten.

Welke verhouding dus! En nog.... of er van gt;verhoudingquot; sprake kon wezen, tusschen een eigen zoon des lands en een vreemdeling; «want de Jood is Joodquot; 3) is eene gt;nationaliteitquot; op zich zelve, die geen Christen bestuur mag voeren.

De feiten getuigen luide, waar wij van schurkenstreken der Joodsche overheden gewagen. 4)

Om een wet te doen aannemen, die vele katholieke overheidspersonen gt; verwijderenquot; zou, stelen de Joden op 30 Juli 1883, bij de stemming der Wet, de briefjes uit de lessenaars hunner afwezige mede-senatoren. Dit gt;schoone werkquot; had tengevolge, dat de Joden ambtenaren legio werden.

Verbeeld u een gt;Goyquot; voor zulk een ambtenaar ! 5)

Ziehier feiten.

In een beschaafd land, als Frankrijk, schieten Joodsche ambtenaren op een Christenkerk.... en zij worden tot één franc schadevergoeding veroordeeld. (Figaro Aug. 1884)

In Bretagne wordt een notaris, die voor diefstal veroordeeld was, tot vrederechter benoemd. 6)

Een jongman verbrijzelt in Augustus 1885 een kruis. Voor het gerecht van Corbeii gevoerd, spreekt de Jood Cahen: «Als het nog

een kunststuk was..... maar een kruis.quot; 7)

De burgemeester Clément wil een meisje. Nieuwoska, verleiden. Zij sluit de deur voor den onverlaat. Hij belegert haar huis met

1) Drumont I, 70—87, J. de Magdeletne I, 193—196, 201—204.

2) Zie ale service de la sureté par son ancien chef. Mate.

3) «Archives», zie boven.

4) Cri dn peuplc 23 Orf. I'i- nrfi T2 Aug. T885, DriivoitW 120. 405 en v'lg.

5) een tekst uit den Talmud, f lraclaat Bnb?i Kninina cap. Ha (.iozel.^ «Als gij voor het gerecht den Israelici nin kunt doen winnen, gebruik tegen

den Christen list en bedrog.^Vert. goedgekeurd door dc Revue des Ktudes jiiives ó) DrufnonU ü i. u. p.

7) «Lanternc.»

ocr page 66

gerechtsdienaars Hen geheelen dag, tot groote verbazing van de geheele gemeente. Moedig weerstaat het meisje; toen beschuldigt de schurk haar, van God weet welke misdaad, zij wordt veroordeeld en in de gevangenis geworpen. Vandaar schreef zij haar

wedervaren aan den minister van binnenlandsche zaken..... geen

antwoord, i)

Beyne en Laferière handelden op dezelfde wijze: de persoon, die hun schande aan fiet licht kon brengen, werd tegen alle recht en billijkheid bankvast gemaakt 2)

Gaf Favre hun niet het voorbeeld, toen hij Millière liet dood schieten, en Laluyé in de boeien deed sterven, omdat zij van zijn zedeloosheid de geheimen kenden? 3)

GERECHT.

Het gerecht is bijna overal wettelijk bedrog geworden, en het vergrijp aan de Christenen wordt rijkelijk beloond. 4)

Wij doen slechts een paar grepen uit den overvloed van bewijzen. Werd de onderwijzeres, die, in 1882 Pastoor Mulot valsch aanklaagde 5) na diens vrijspraak niet met geschenken overladen, niet schatrijk door haar laster? 6)

Werd Saint-Elme, de dagbladschrijver, die iets van de Joden aan de bel had gehangen, niet door verkleede polilie-agenten half dood geslagen op last van den Jood Weill Picard; herhaalde de rechter zelf niet het onmenschelijk spel, en werd de beschuldigde niet door den advokaat Bussaud met smaadwoorden, schimp en hoon bejegend ? 7)

Kwam Hirsch, die banknooten vervalscht had niet met 3000 gulden schadevergoeding vrij?... Wat raakte het hem, den honderdmaal millionnair?... 8)

1] Drumont II, 499,

2] .. .. 499-

3] .. I 412-

4] 11 495 en volg. J. de Magdeleine la France Juive I 200—230 Zie neg cLanteme» 18 Nov. 1883.

5] Stukken van het proces in Juni 1882 te Amiens gevoerd.

6] Zij werd tegen hoog loon naar Parijs bevorderd.

7] «Nouvelle Presse» 12 Nov. 1884, Drumont II, p. 511.

8] 8 Mei 1884.

ocr page 67

— 63 —

Werd na een moord, in 1885, niet de aanlegger, de Jood Meyer, vrijgelaten en de verleide, de Christen Gaspard, veroordeeld?

Werden na den moord gepleegd op Peschaeid (te Caen) niet de beschuldigden, allen Joden, vrijgelaten? 1)

Worden niet overal de vrijmetselaars als de onschuldigste kinderen behandeld, ofschoon het onweerlegbaar bewezen is, dat zij moord en diefstal bevelen aan hun leden? 2)

Roep den Jood tot verantwoording, als gij kuntl Heeft Gambetta, die driemaal genoopt werd de bewijzen over te leggen van besteede millioenen. niet driemaal zich in de kamer niet den leugen gered, dat de stukken bii ongeluk «verbrandquot; waren ?

In 1884 was men vol van den diefstal van een kind; geen wonder. De arme vader, de koetsier Lenoir 3), was wanhopend; zijn jongen hem ontroofd, en in Cette opgesloten, om daar onder Joden leiding te ontaarden 1 Hij doet den dief, den Jood Richard, een proces aan; de Jood Lisbonne verdedigt den schurk en Lenoir bezwijkt natuurlijk in het geding. Thans kan, wie wil, den trooste-loozen vader in Parijs zien, half krankzinnig van smart, en met de zekerheid, dat zijn kind voor hem verloren is. 4)

HET CHRISTENKIND.

De Jood haat vooral het christenkind. 5)

Hoe hij hebbe geroepen en verzet aangeteekend, hij heeft niet kunnen beletten, dat men algemeen gelooft aan den ritueelen kindermoord. hem door den Talmud voorgeschreven. 6)

De geschiedenis verhaalt, hoe de Joden in 1071 een kind kruisigden. en in eene rivier wierpen; in 1114 werd in Engeland een kind in een huis gelokt en gefolterd; in 1179 St. Richard door hen gemarteld. Chaucer getuigt hun gruwelen, met alle kronieken der Middeleeuwen.

In 1671 wed in Metz Raphael Sévry ter dood veroordeeld eveneens voor kindermoord. Was de marteling, van Solyniosy te Tisza-

1] Drumo?jt l, p. 75.

2] ......70-

3j T.acoinla in de •Correspondant» 25 Feb. 1884.

4] Drutnont H, t. a. p. Zie ook Mélanges, T.. Veuillot 1859 p. 1—300: diefstal \an de kinderen van Drach p. 288—295.

5l Verschillende werken: F.eo Taxil, Chabauty. de Saint-Avdré, Onclair, Fava enz. 6) De reden waarom, zie pag. 10 van dit geschrift.

ocr page 68

lt;*4 —

Elzar, niet een nieuw bewijs in onze dagen? De kinderen van den moordenaar hebben hem zelf uitgebracht 1 (Levy en Maurice Schwars oud 6 en 16 jaar.

Drumont geeft in telegraaf-stijl, alle eeuwen doorloopend, van het jaar noo af. twee bladzijden met feiten van hetzelfde slag. Valt daartegen te redeneeren ?

Over deze zaak zijn geheele werken geschreven. Wat brengt men er tegen in? — De Joden: ontkenning, verontwaardiging; sommige Christenen: een onredelijken twijfel.

Maar dat «de Christenen slkchts dieren zijnquot; i) is toch te vinden in den Talmud; dat men gt;den beste der Christenen moet doodenquot; 2) leert dezelfde stichtende Joden-catechismus. Dit is onloochenbaar.

Dat mannen als Neofitus 3). — de vertaling van wiens werkje te verkrijgen is bij J. W. van Leeuwen te Leiden, — als Drach 4), wiens zoon geestelijke is te Parijs, en die zelf jaren lang bibliothecaris te Parijs was, — als Chiarini, — alle drie bekeerde Rabbijnen. het uitdrukkelijk in hun werken verzekeren, hoewel er bij voegend dat sommige Joden het geheim niet kennen 5), en dus onschuldig met het brood het bloed nuttigen. — dit alles is onbetwistbaar.

De geschiedenis van P. Thomas in Damascus— van het dooreen candidaat-Rabbijn in 1888 gesneden kind (te Breslau) 6), de geschiedenis van Xanten van voor veertien dagen, — dit alles wordt door sommigen met ontzettende naiviteit geloochend. De barbaar van Breslau werd toch gerechtelijk veroordeeld I

1) Zie boven No 1, p. 10.

2) ,, ,, ......11.

, 3) «Het Christenbloed bij de Joodsche Ritueele gebruiken,» bekeerd Rabbijn.

4) «De Vharmonie entre 1'Eglise et la Synagogue,» V)rach.

5) Hoewel lang niet alle Joden, die zeggen het gebeiin niet te kennen, onschuldig zijn. De wereld is vol van Joodsche leugens! Waarom zou men een tdier» ook niet beliegen? de Talmud beveelt den Joden bovendien den «Goy» te bedriegen {zie boven No. 1.) Over ]oodsche leugens o. a. Schwarze Blatt 16 Oer. 1890; —en nog een noot in ons »Besluit.»

6) Max Bernstein, candidaat-Rabbijn, oud 25 jaar, die zijn studiën had gedaan aan de beroemde Universiteit te Breslau, gaf op 21 Juli 1888 een Christen kind eene insnede in den buik, om het arme schepsel bloed af te tappen. Hij verklaarde voor het gerecht (24 Febr. 1889) gehandeld te hebben in een vlaag van hevige verstandsverbijstering. Zijn verdediger was de jood Semberg. Deze beweerde dat niemand de beweeggronden kon gissen van deze handeling, 't fs naif!....

De rechtbank samengesteld uit 3 rechters, waarvan 2 joden, veroordeelde den barbaar tot 3 maanden gevangenisslrnf (zie Schlesisrhe Zeitung) terwijl zij beweerde dat zij de beweegredenen dezer daad buiten beschouwing liet, wat echter tïi I^rtfii-znak was.

Twee jaar later (ju-i 1891) werd in hetzelfde Duitschland een Priester om bcleo-digende woorden over den Keizer tot 4 maanden vestingstraf veroordeeld.

Vrijheid en gelijkheid , onder het bestuur der joden-Vrijmetselarij!

ocr page 69

— 65 —

Waarom loochenen sommige Christenen, dat de Joden volgens hun Ritus, Christenen vermoorden ? Inderdap. l, omdat de Christenen veelal bijkans te rechtschapen zijn, om aan zulke wrecrte gruwelen^ de godtergende uitvloeiselen van haat en afkeer^ te gclooren.

Maar wat kan dan toch niet geloofd worden van hem, die met zijn Talmud in de hand, ivoor onze vernietiging moet biddenquot; i) — wien geleerd wordt gt;dat Christen-offers Gode aangenaamquot; zijn. i) De ondervinding leert dan ook uit vele — hoewel gerechtelijk soms niet geldige stukken, 2) — dat de Joden Christenkinderen volgens hun ritus, dat is, volgens hun Talmud, vermoorden. De

schatmeester der Synagoge weet het wel!.....

't Is verwonderlijk, hoe de Christener.'. vertrouwen op de hardnekkige ontkenningen van de Talmud-Joden, terwijl deze er alle belang bij hebben de zaak te loochenen, — en dat zij niet gelooven aan getuigenissen, van Christen-mannen die de Joden jarenlang in den grond bestudeerden, en allen tot die ontdekking kwamen; dat zij de verklaringen weigeren van bekeerde Rabbijnen, die ons de waarheid leeren, om ons op onze hoede te doen wezen; dat zij wèl gelooven aan onze haatdragende vijanden, en niet aan eigen broeders, wien toch óók leugen en laster een gruwel is.

In Parijs worden jaarlijks, omtrent Paschen, vele Christen-kinderen vermist; waar.... tot welk gerecht zich te wenden?

Hoe is het der arme moeder voor 2 jaar vergaan, haar, die uit Damascus een brief schreef over den moord, door de Joden, op haar kind gepleegd ?... Deze brief is te lezen geweest in de Univers, en hier te lande zeker in gt;de Tijdquot; het hoofdorgaan der Katholieke pers van Nederland, 't Is toch tegen alle gezond verstand de Joden op dit punt nog langer te gelooven, en de getuigenissen van rechtschapene zaakkundige Christenen met laster te betichten. Zou het

1) Zie p. 10 en n de teksten uit den Talmud.

2) De Joden lokken de Christenkinderen, die zij willen vermoorden, in het gezelschap van Jodenkinderen. Vandaar licht de moordenaar ze op. Onmondige kinderen zijn dus de eenige getuigen — en het gerecht is onmachtig....... als het zou

willen optreden (q. e. d.) Zijn er wettige getuigen, dan weten de Joden door geld, intrigues en kabaal de zaak te «keeren», zooals in 1840 met den moord van P. Thomas in Damascus, 't Was foule van Fransche groote joden bij den Pacha! Crémieuxquot; geld was toen beschikbaar, voor »het groote werk der nieuwere tijden!» (Zie de hieronder aangehaalde werken — vooral Drach en Laurent) Zie verder over dit punt; •Chilta Catholica* April 1882, •Moniteur de Romequot; 15 ]an. 1883, »Amclot de la Houssayequot; Procés des Juifs de Metz. Chacuer ,,Récit de la piieurequot;, Em. Mie/iet ,,1-Iistoire du parlement de Metz,quot; F Hon .,IIistoire de la littérature Anglaise,quot; Justus quot;Judenspiegel,quot; Rupert „Histoire de la Synagogue,quot; /*. Damner ,,Le culte du Moloch chez les Juifs. De werken van Drach, Neofitus, Ckiarini etc.

5

ocr page 70

— 66 —

niet vreemd wezen, dat de Joden die moorden niet pleegden, terwijl hun wet het gebiedt? quot;Wie de moeilijkheid zou maken: gt;Maar dat de Joden het dan zelf nooit verradenquot;; hem zij geantwoord; de Jodenkinderen verriedden het menigmaal. En ongeloofelijk is overigens de g.theimhoudende kracht der Joden-natie. Zie het geval van den diefstal van Drach's kinderen; twee jaar zocht de politie er naar... en toch alle Joden in Londen en Parijs wisten waar ze waren 1 i)

O N D E R W IJ S.

Wat moet er worden van het onderwijs in de handen van hem, die hel Christen-kind haat?

Paul Bert, 2) misschien een Jood, en zeker aangehitst tegen de Christenen, door Quilly, een afgevallen priester, die huwde met eene Jodin (Salomé Brandt) -— Paul Bert geeft het antwoord op die vraag. Sta niet verbaasd over de veelzijdigheid van dezer man; want gij herinnert U zeke- nog, dat hij ook een der helden van Tonkin was. Paul Bert is man van het vak, waar het de letteren geldt. Begon hij zijn wetenschappelijken loopbaan niet schitterend met de vervalsching van Lodewijk des XIVden testament 3), een stuk dat natuurlijk door Joden (Picard Bernheim) in het licht werd gegeven?

Onder en door dezen kundigen schoolman, nemen de Joden het onderwijs in. 4)

De Vrijmetselarij bant het geloof uit de scholen 5); alle boeken, die de ministers thans opdringen, zijn door Joden geschreven. 6)

Aan de School der Hooge Studieén worden niet minder dan de leerstoel der Philologie, der vergelijkende Grammatica, der Indische. Semitische, der Arabische, der Ethyopische talen, die der Antiquiteiten door Joden bezet.

1) Wie het werkje van Drach niet bezit leze de zaak in de «Mélangesquot; van L. Veuillot He Serie T V, p. 288—293. In de 300 eerste blz. van dit deel, aan de Joden gewijd, komt hun bedrog en valschheid duidelijk uit.

2) Zijn vader zou Boyer heeten, de zaak is onzeker. Druviont II. p 436, J. de Magdeleive I. 120—140, 240—260 over dit Joden-creatuur.

3) Druviont II. p. 438. Drumont bezit het boek hetwelk zeldzaam is geworden.

4) «Figaroquot; 25 Feb. 1883. («Revue des Deux Mondesquot; 15 Feb. 1884.)

Met de boeken van Lévy, Giédroyc enz. J. de Mag dele ine 1. 50—80 enz. Drumont II 439 en vlg.

5) ■» Patrio te de Normandiequot; 20 Oct. 1881.

6) Drumont t. a. p. J. dc Mag dele ine 240—270 over de onchristelijke scholen.

ocr page 71

— 6? —

1 Professor Pelissier wordt afgezet, omdat hij een boek schrijft van

t christelijke strekking, i)

De Jood Camille See regelt de staatsscholen der meisjes. 2) De Jood Breal ondermijnt de klassieke Studieën.

De Jood Lévy verklaart in het openbaar, dat de leekenscholen de gt;hunnequot;, dat is door de Joden-wet ontstaan zijn. 3)

De Jood Dreyfus, gebelgd dat men zijn boek niet in wilde voeren, weet te doen uitvaardigen, gt;dat de schoolkomissies in geen geval over de leerwijze of de te leeren zaken uitspraak kunnen doen.quot;

De Jood Campagné weet zijn handboek door dwang in de scholen te brengen.

Wat kan Frankrijk nog van het met geweld onichristelijkt Christen-kind verwachten? 4)

DE ARMEN.

Dan. der Joden haat bepaalt zich niet bij het kind.

Wij zwijgen, hoe zij de armen uitzuigen 5). de werklieden bedriegen ei ontzenuwen 6) — dit alles is overluide verkondigd.

Maar wij vragen, waar die vreemdelingen, die indringers het recht halen, om duizende Fransche burgers uit te werpen 7). uit hun vaderland, dat zij beminnen, waarvoor zij werkten en zwoegden, dat zij met hun arbeid bevrucht, met hun voorbeeld gesticht met hun liefde beschermd hebben; het recht hen te vervolgen, hen te onteeren, te kwetsen in wat hun het heiligst en dierbaarst is! 8) Met wat recht de Jood Laurent, de boef die in de zaak Neu-

1) »Lemons de l'antiquité chrétienne.quot;

2) Drumont 11. 443, ..l'Echo de Parisquot; 11 Aug. 1884 over den uitslag.

3) ibid. Ter loops nog dit: de Jood-Vrijmetselaar Fava wordt in Aug. 1891 algemeen inspecteur der scholen in Italië benoemd. Arme broeder- en zuster-, arme Protestantsche- en Katholieke scholen !

4j Deze vraag mag ook voor andere landen gelden, waar God uit de school wordt gebannen.

5) Om iets te noemen: Aan de bank van leening persen de joden den armen tot 20 0/0 per maand af, dat is 240 per jaar; de wet heeft als hoogste perc. 6 bepaald.

6) ..Cri du peuplequot; iq Oct. 1884; 2 Maart 1885: 28 Jan. 1884: 2 Juli 1885 enz. ,.Rataillequot; — ncllaville zie boven. Redevoering v. Biswarek 1847 enz.

7) Zij waren het. (Zie No. II) die de Regeering tot de uitdrijving der Religieuzen dwongen. Belachelijke en rampzalige toestand in zulk een land. De Duitsche ,%Cul-turkanipfquot; dankte haar oorsprong aan denzelfden invloed.

8) De jood Reinach in „Les Récidivistesquot; opgedragen aan br. Quentin. vgl. Saint Bonnet ,,La Restauration Frangaise.quot;

ocr page 72

burger werd veroordeeld i), de Fransche Benedictijnen uit Solesmes heeft gejaagd f

Met wat recht de Jood Hendié de kruisen vertrapt en bezoedelt?

Met wat recht de Jood Goblet de bladen der geschiedenis met zijn vuigen laster onteert?

Met wat recht die Christenhaters in de kerken treden, om priesters aan het altaar te beschimpen en te mishandelen? 2)

Met wat recht zij hun gal uitspuwen op een man als de Bisschop Howard, waar hun leugen Archieven 3) een Praagschen doorbrenger van maken, die Austerlitz zou heeten, een ontuchtig leven geleid hebben, en door Pius IX in bescherming zou genomen zijn; — terwijl het wereldbekend is, dat deze edele man neef van den hertog van Norfolk is, te Oxford studeerde, en een onberispelijk verleden achter den rug heeft!

Met wat recht zij de gasthuizen, voorheen de heiligdommen der zelfopoffering van de liefdezuster, tot plaatsen van schrik en ergenis voor het volk hebben gemaakt ? 4)

In 1884 wordt een wachter betrapt, die den nacht in de wijnhuizen doorbrengt.

In 1885 een dronken ziekebroeder gevonden, die eer. lamme in haar bad letterlijk gekookt had.

In 1882 een andere lamme levend verbrand te Tenon.

Met wat recht, in één woord, het volk bedrogen en verraden wordt, in geheel het burgerlijk leven, zoodat, waar het vroeger liefde en bescherming vond, het thans niet dan onverschilligheid en mishandeling verwachten kan?

Met wat recht?.... Wie heeft den Jood geroepen om tyran van Europa te wezen ? Wie ?...

Arm Frankrijk! Arm Frankrijk, in de klauwen van den Joodl.....

1] Drumont 11. 450.

2] 2 Feb. 1881. Brest 26 Febr. 1884, Lyon 24 Oct. 1884 [«Gaulois.»] Clamart Dec. 1885 [«France.»]

3] «Arch. Isr.quot; 1 Aug. 1875 vol. 36.

4] Zie voor de volgende en dergelijke feiten ..Cri du Peuplequot; 5 Nov. 1884: ,,le Francaisquot; 30 Maart 1883, „Gauloisquot; 26 Feb. 1884, „Petition de 1200 malades de l'hópital d lvry-sur-Seinequot; a Grévy Jan, 1884.

ocr page 73

— 69 —

X

BESLUIT.

Wij zijn aan het einde van ons overzicht; het land, dat wij ten voorbeeld kozen, heeft ons de Joden inet de sprekendste trekken getoond; één woord vat het geheel van feiten en getuigenissen samen: »Christenhaat.quot;

Dat de Jood derhalve onze onverzoenlijke vijand is, dat de Moderne Jood vooral is te duchten, om de schrikbarende macht die hij met de Vrijmetselarij uitoefent, — dit is zoo klaar als de dag.

Maar dus in het vage kan en mag ons besluit niet zijn. »Wat staat ons te doen?quot; Ziedaar de vraag.

Om het antwoord met juistheid en bepaaldheid te geven, verbeeld ik mij hier mijn lezers in vijf groepen.

De eerste, — een ijl troepje goddank, — heeft ons geschrift als een Romannetje doorbladerd, en steekt nu, met een gewichtig; »Zoo, zoo!quot; een versche sigaar aan! Daarna gaat ons werkje naar de boekerij of in een mahonie houten kastje, en de lezers gaan met dezelfde bedaardheid in de krant zoeken, of er geen paarden van den dijk in den Rijn zijn gevallen, of kinderwagentjes onder handkarren gekomen.

Voor hen heb ik slechts éen antwoord: gt;Goeden nacht, vadertje^ tot de Jood U, of uw kinderen, tot uw schrik zal doen ontwaken!quot;

De tweede groep is de groep der »ongeloovigen en der twijfelaars.quot; gt;Het zal wel niet waar zijn,quot; mompelen de laatsten, — »en ik geloof het niet,quot; roepen de eersten.

ocr page 74

— 70 —

Wat gelooft gij niet?... Wat zal wel niet waar zijn?

Dat ik het gelezen heb?.... Dan is A. van Ros wel een wonderbaarlijk vizionairl

Of gelooft gij niet, dat de zaken zóó staan?..... Uw twijfel schijnt

inderdaad gegrond, als gij bedenkt, dat de boeken over de Fransche Joden uitgegeven werden in Frankrijk, in Duitschland, over de Duitsche, in Oostenrijk over de Oostenrijksche, en zoo verder, terwijl de meeste in de schandalen betrokken personen en zeker tal hunner vrienden nog leven! Men moet met name in Frankrijk wel ontzettend onnoozel wezen, dal men 150,000 franc besteedde, om tien uitgaven van een boekwerk op te koopen 1), terwijl éene zaak volstaan kon: gt;den leugen bewijzen;' eene zaak echter, die de beschuldigde Joden nimmer de brutaliteit hadden te ondernemen!

Als ik dus zal weten, »watquot; wel niet waar zal wezen, dan zal het mogenlijk worden, u te antwoorden.

Laten wij eerlijk wezen, vrienden, zulk een uitvlucht is niet meer dan een verbloemd: gt;ik wenschte, dat het niet waar was, want ik ben te bang om te handelen!quot;

De derde groep is de groep der * wij zenquot;

fHet kan niet, ik had er van moeten hooren, als dat zoo was, — neen! het is glad onmogelijk!quot;

Vooreerst, — wie weet, hoeveel gij daarvan vernomen Lebt, het eéne oor in, het andere uit, — gelijk het milloenen Franschen verging, — zonder die berichten tot één geheel te vereenigen.

En dit laatste is juist, luid aller getuigeuis, de groote verdienste van schrijvers als Drumont, de Magdeleine, Eisenmenger, Tousenel, Macé, Taxil, Chabauty, enz.; de geschiedkundige toch moet geen feiten uitvinden, maar ze in één groot tafereel ten toon hangen.

Vervolgens (ik veronderstel u groot politikus, want anders, wat aanspraak maakt gij er op te weten, wat »tot de geheime politiek

il De eerste 10 uitgaven van de ,.France juivequot; van Drumont werden door de Toden opgekocht [= 75.0°° franc!] Eisenmenger boden zij 10,000 thaler aan als hij zijn werk niet uitgaf..... Helaas, vergeefs. De „France Juivequot; beleefde 150 uitgaven ongeveer 500,000 exemplaren. Eisenmenger werd over de geheele wereld verspreid.

ocr page 75

— 7i —

behoort, die volgens d'Israëli in Joden-handen is; — durft gij de veronderstelling aan?) vervolgens, zelfs in die veronderstelling, wie is te oud geworden om te leeren? En zult gij met uw »het kan nietquot; al wat in het vervolg uit het verleden u gemeld wordt van de hand wijzen? Ge zijt dan misschien een ontzaggelijk politikusj

maar een niet minder zonderling geschiedkundige!..... Of is een

der feiten, u medegedeeld, in strijd met zaken, die u als gt;zekerquot; bekend zijn?

Eindelijk gelooft gij, dat de Jood zulke wanhopende pogingen tegen Drumont, en anderen i) die hem onthulden, zou hebben aangewend, als zijn bedrijven wereldruchtbaar waren? Meent Gij uw *het kan nietquot; in Nederland te kunnen uitspreken, waar de beschuldigde het in Frankrijk zelf niet vermocht?

Uit is onwaarschijnlijk, vindt u niet?

De vierde groep voegt mij toe: »De tijd baart rozen, gij maakt u onredelijk bezorgd over de toekomst van het Christen Vaderland, het staat bij ons nog zoo hachelijk niet!quot;

Ik antwoord, dat de tijd geen rozen baart op een grond, die in het geheim wordt vergiftigd; ik antwoord, dat Frankrijk door dezelfde zorgeloosheid den Jood in staat heeft gesteld, zijn tirannie zoo verschrikkelijk te ontwikkelen, en dat wij aan middelen tot weerstand moeten denken, éér ons het mes op de keel staat; ik antwoord, dat, wat Frankrijk voor 50 ja voor 25 jaar nog slechts dreigde en thans is uitgevoerd, dat dit ons op dit oogenblik en veel ernstiger dreigt, want de Jood is betrekkelijk veel talrijker onder ons dan in het wreed bedrogen Frankenland 2); ik antwoord, dat ik mijn Vaderland niet geroepen acht de dolle lichtzinnigheid der Franschen na te volgen, die het gevaar niet erkend hebben, vóór de vijand hun den voet op de borst had gezet!.....

En ja het gevaar dreigt ook ons!

Of is de Jood niet machtig onder ons?

Zeker, het kan niet in ons plan liggen, hier eene uitgebreide studie te ontwikkelen over de macht der Joden in Nederland; maar enkele vingerwijzingen mogen gegeven worden.

1) Zie boven.

2) In Parijs is plus minus 1/20 der bevolking jood; in Amsterdam..... reeds 90,000

luidens de laatste volkstelling, dat is 1/5. Een schrikbarend cijfer! ! —

ocr page 76

— 12 —

Wat is 'er, bij de laatste verkiezing der kamerleden, ten opzichte van Mr. Levy te Amsterdam geschied? Dezelfde Heer Levy was het toch, die in zijn geschrijf over de studie van Dr. Nolens met de christelijke rechtschapenheid en zelfs met de Joodsche rechtsgeleerdheid den draak had gestoken. Welke dagbladen hebben meer invloed, dan gt;Rotterdammerquot; en gt;Handelsbladquot;, — wie kan beter dan de quot;Heer Polak, in fraai geciseleerde volzinnen, zeer onheusche, zeer onchristelijke sympathieën luchten?

Wie oefent de groote pressie op kiezers en verkiesbaren uit, zoo het ook bij ons niet de Jood is, — zij het dan de Jood-Vrijmetselaar, of de door de Joden bestuurde Vrijmetselaars, of eenvoudig de Jood? i)

Wie is de tgroote kiezer van Nederlandquot;y volgens Jhr. Tindall's brochure, wie anders dan een Joodsch Amsterdamsch bankier. 2)

Voer Jhr. Tindall's rekening blijve de zonderlinge bewering, dat die man een der beste zonen des lands is, — laten wij deze zekerheid liever aan den Kenner der harten; — maar dat een Jood 9 zetels in de Kamer regelt; dat een Jood, feitelijk een vreemdeling ook onder ons, teen natie op zich zelf'\ de gemeenteraad van Amsterdam, in zijn hand heeft, — dat is een schande, die niet op Nederland rusten moest,... al heet die Jood ook A. Wertheim amp; C0. Dat Pincoff's zich heeft kunnen «verwijderen,quot; —

Dat onze grootste handelhuizen van de Joden afhangen, — Dat de Hooge Raad der O-Indien eene Joden-meerderheid telt. Dat de West-Indien hun speelbal zijn, —

dat teekent hun macht reeds genoeg, en dat is een schande voor het Christen-Nederland, en dat is een ramp, die geen Christen mag willen dulden, al werpt dan ook een Joodsch bankier soms eenige guldens in Christen-handen, om met het spieringkje van het hon-derste zijner renten, de kabeljauw voor de * Natiequot; te vangen! —

Dit antwoord moge volstaan, voor wie meent gt;dat de tijd ons rozen zal baren,quot; als wij nog langer zorgeloos neerzitten, en dat de macht der Joden onder ons niet geducht is! —

Maar deze groep houdt vast met oud-Hollandsche degelijkheid: Zij spreekt aldus: gt;Het zij waar, de macht der Joden, ook onder ons, is groot, maar wie zegt u, dat de Joden onder ons willen tot stand brengen, wat zij in Frankrijk verrichtten?quot;

t.) Vergaten wij wat de ]ood Levy onlangs te Roermond uitzette?

a) Het katholieke hoofdorgaan ,.de Tijdquot; zij lof gebracht voor den moed, waarmee zij Tyndall in deze steunde. [Tijd 21 Juli 1891.]

ocr page 77

— 73 —

Een wedervraag. Wie zegt u het tegendeel? — Niemand? — Dan staat mijn stelling, en valt de uwe.

Waarom? — Ziehier.

Wij hebben uit de geheele geschiedenis, in en buiten Frankrijk, getoond, dat de Jood immer der Christen-maatschappij vijandig genegen was: van den oorsprong des Christendoms tot op onze dagen.

Wij hebben, steunend op het gezag van de meest vertrouwbare mannen, getoond, dat de Joden den Christen-haat overal in het hart dragen, getoond, dat de Joodsche geest met den onze onver-eenigbaar is; want hij haat ons als Jood; de Jood nu is als Jood, overal Jood, waar een Jood is: dit is overduidelijk. Kunt gij dus niet bewijzen, dat onze Joden dien haat niet in het hart voelen blaken, dan staat mijn stelling; een gevaar dreigt ons van den kant der Joden, niet minder dan andere volken, en uwe stelling valt.

Ik zal u zelf aangeven hoe gij uw meening staven kunt.

Vooreerst kunt gij aanvoeren: gt;De Joden onder ons zijn zuivere nalevers van het Mozaïsme, — voorbereiding des Christendoms, — en zij haten den Christen niet, het zijn de brave Joden van Bilderdijk, die bidden en beiden den Messias.quot; Zeker, zulke zijn er onder ons gel ij k onder alle volken, en daarom teekenen wij, met de Meeting van de »Mansion-housequot; (1882,) ten krachtigste verzet aan tegen een algemeene vervolging van Joden. Maar wij zullen U aanstonds toonen, hoe bespottelijk weinig kans er is, dat de geest der groote massa onzer Joden, een zuiver en onschadelijk Mozaïsme, zonder eenig idee van anti-Christendom zou wezen.

Vervolgens, — kunt gij beweren, — onze Joden zijn noch van de gt;Natiequot; noch van het Christenkamp; zij dwalen zonder eenige veldteekenen rond als vrijdenkers, materialisten en zoo meer. Maar wij zullen U eveneens toonen, dat onze Joden voor het grootste gedeelte te vervreemden van het denkbeeld »natiequot;, een zuiver spel uwer verbeelding is; leven zij dus hun wet na of niet, zij blijven gevaarlijk.

Wij zullen U feiten in overweging geven, en spreek dan eerlijk of onze Joden in massa het recht hebben, uitzondering te maken op den naam van »echtenquot; Jood. En zijn zij dien naam waardig, — de gevolgtrekking ligt voor de hand: dus zijn zij der Christenen verbitterde tegenstanders, hun haters, de bond tegen het Christendom.

Gij zegt nog: »Ik heb in onze Joden nimmer dien haat bespeurd, zij zijn zeer vriendelijk en gedienstig jegens ons, Christenen.quot;

Henri Heine geeft U het antwoord op deze laatste bev/ering: jüe bedrijven der Joden, gelijk hun zeden, zijn der wereld onbekend.

6

ocr page 78

— 74 —

Men gelooft hen te kennen, omdat men hun baard gezien heeft; gelijk in de Middeleeuwen zijn de Joden nog immer een wandelend geheim.quot;

Bovendien: Meent gij te kunnen bespeuren, wat studie van jaren aan de diepzinnigste geschiedvorschers eischte?

Wat die vriendelijkheid betreft; zijt gij den zoeten glimlach van Gainbetta vergeten na den moord van 15000 Franschen?

O zeker kunnen de Joden gedienstig en vriendelijk wezen, — zij kunnen welwillend U steun aanbieden voor Gemeenteraad en Kamer, zij kunnen uw christelijke werken helpen slagen, —..... »de geschiedenis is de beste leermeesteresse der volkeren, zegt Baumstark, maar weinigen helaas willen er uit leeien!quot; —

Die kleine minderheid der Natie moet immers wel met sluiksche middelen tot haar doel komen 1 Maar wee, als zij de meerdere is geworden! Roepen Frankrijk, Oostenrijk, Italië, Rumenie ons dan de waarheid niet toe, dat de ooren er van tuiten?....

Voordat de Jood geheel meester is, werkt hij immer in het geniep.

Vragen wij dus aan enkele feiten, wat van onze Joden te denken. Ons antwoord zal uw izuiver Mozaïschequot; Nederlandsche Joden wel ontgoochelen, — Maar de waarheid moet in Nederland ook eindelijk gezegd worden!

Gij zegt dus, dat onze Joden zuivere naïever5 van het Mozaisnu zijn.

Maar er is op de eerste plaats niet aan te twijfelen of, aardrijkskundig en historisch, zijn onze Joden voor de groote menigte zelf Talmud-Joden of minstens afstammelingen van volgelingen des Talmuds; deze nu staan lijnrecht tegenover de »Mozaïsche Joden.quot;

Ziehier het bewijs. —

Nadat de Talmud den Joden als wet was voorgesteld, scheidden zich in de 8stc eeuw de Caraiten («volgers van den tekstquot;) van de Talmuddisten 1) af; de eerste kenden alléén aan het Oude Testament kracht van Wet toe. Alle schrijvers 2) echter komen overeen, dat deze Caraïten slechts in Palestina, Syrië, Egypte, Zuid-Rusland en Polen worden gevonden. De Talmud-Joden waren over Italië, Spanje en geheel Westelijk Europa verspreid; dezelfde schrijvers beweren dat de Caraïten nog geen 5000 man tellen.

Durft gij nu in ernst opstellen dat Nederland hier een uitzondering op maakt, en, om iets te noemen, onze Joden onmiddelijk

1] Dezobry en Bachelet op. cit. Prideaux ..Histoire des Juifsquot; Liv. 13 T. 2. p. 162. Bouillct op. cit. Eergier op cit. Bruker „Histoire crit. phil.quot; T. 2. p. 730 etc.

2] Dezelfde schrijvers en andere dictionnaires.

ocr page 79

uit Polen of Egypte ons toegewaaid zijn f Dit gelooft ge zelf nietl — De massa is dus zeker afstammeling der Talmud-Joden^ en, wat van deze te denken valt, laat geen twijfel.

Dit reeds doet een zwaar vermoeden tegen onze Joden rijzen.

Ten tweede; toen eenige jaren geleden de Talmuddisten, in ons land, ter sprake kwamen, wat geschiedde?... Is er één Jood geweest, die U het doorslaand bewijs gaf van afgelegden haat, met de woorden: »De Talmud is een gruwel, een gewetenloos wetboek, ik verloochen die Satanische wet, en al wat gij Christenen beweert, dat zij predikt.quot; Geenszins: en zie dit feit onder de oogen lezer. Wat was hun verdediging? »Alles, wat gij den vlekkeloozen Talmud aanwrijft is vuige laster,quot; de leeraren der Hoogeschool werden zelfs — hoewel tevergeefs, — ingeroepen om dit antwoord te beamen.

En dit zeggen wij niet, omdat wij zouden gelooven, dat juist de Joden het meeste gezag hebben waar 't het recht begrip van den Talmud geldt, — heeft toch niet, eenige jaren geleden, de Christen Dr. Roling de Rabbijnen van Duitschland op het Orientalistischa Congres uitgedaagd, om hen over hun gebrek aan kennis der He-breeuwsche taal op de kaak te stellen?...

Dr. Perel weet ook iets van de ihoogequot; geleerdheid der Israëlieten mee te praten 1

Waarom wemelen de moderne Universiteiten van Joden?.... Om hun grootere kennis of, omdat de vrijmetselarij hen op den voorgrond moe! stellen?... Dit zij ter loops aangemerkt.

Maar het bewijs blijft staan:

Zoolang onze Joden geen ander wederwoord hebben dan den klaar blijkelijken leugen gt;het staat niet in den Talmud,quot; zoolang verdenkt het gezond verstand hen van verstandhouding met dien Talmud, en van deelneming in zijn geest: en die geest is onverzoenlijke Christenhaat.

En die gevolgtrekking blijft staan in volle kracht, al verloochenen de Joden soms ook den Talmud om ons zand in de oogen te strooien.

Ziehier eene leerzame geschiedenis, die dit ons besluit wettigt.

Toen de gt;Universquot; in 1859 den Talmud aanviel, kwam S. Cahen daar met kracht tegen op. Maar op welke wijze? Hij verloochende den Talmud, noemde het een boek vol verzinselen, vol bijgeloovige bespottelijke dwalingen enz... een boek, waaraan de Joden geen het minste gezag toekennen (brief aan de »Universquot; 20 Dec. 1858;

ocr page 80

— 76 —

daar geheel weergegeven.) Nu was Samuel Cahen met Isidore Cahen, zijn vader, Redacteur van de »Archives Israelites.quot;

Is het niet ongeloofelijk, dat op hetzelfde oogenblik, waarop Samuel, de eene Redacteur der «Archivesquot; dit aan den »Universquot; schreef, de andere Redacteur aan de 8ste Uitgave van zijn, Joden-catechismus i) was, — waarin met eigen woorden te lezen staat: dat de Talmud evenveel gezag heeft als de geschreven Mozaïsche wet?

üf zou men soms op den inval komen, te beweren, dat de beide Redacteuren, Vader en Zoon over dit belangrijkst punt van het Jodendom van meening verschilden? Dit is immers volslagen onmogelijk! — Dan waren ze immers samen geen Redacteur van het hoofdorgaan der Joden! — Maar mocht ook de Christen, de gt;Universquot; niet veilig belogen worden?...

Toen de «Universquot; den Heer S. Cahen dit feit had voor de voeten geworpen, staakte de Jood onmiddelijk de polemiek!

Is hef wonder, dat wij alle polemiek met deze, gewetenlooze schrijvers moeten weigeren? —

Hoe werd Napoleon, in rSoó, te Parijs, door de vereenigde Rabbijnen belogen, toen hij hen ontbood, om te onderzoeken of hun leer zijn Christen-onderdanen niet schaadde? Gelukkig liet de Vorst zich niet om den tuin leiden maar vaardigde hij, ondanks hun schandelijke, meincedigt beweringen, strenge wetten tegen hen uit. Helaas.... na zijn val emancipeerden de Joden zich weer! — Neen, — het is geschiedkundig eene dwaasheid, aan zuiver Mozaïsme bij onze Joden te gelooven, — en het is bespottelijk, hun beweringen, — hoe luide zij mogen roepen, — een oogenblik vertrouwen te schenken! Zij moeten den Christen'bedricgen, volgens den Talmud: wat wil rnen meer?

Vervolgens beweert gij mij, dat onze Joden hun nationaliteitsidee hebben verworpen, en als eenzame zwervelingen tusschen de beide kampen van Christendom en Jodendom dolen. Hoe? Zijt gij dan het voorval in de Warmoesstraat vergeten, toen de geheele Amster-damsche Todenbuurt als één man opstond, om den hoon te wreken een Jood als Jood aangedaan, vermits hij als Jood in een koffiehuis aan de deur was gezet? Vergt gij een nog duidelijker bewijs, dat in onze Joden het idee der matiequot; tot in den bodem der ziel is geworteld?...

Een ander bewijs. Het is een onbetwistbaar feit, dat vele van

i) ,,Precis d' instructions religieuses et morales aux jeunes Israélites Frangaisquot;, I. Cahen. 1848. (1858, Achtste uitgaaf.)

ocr page 81

— 77 —

onze groote Joden, die gelijk in alle landen aan de massa den toon geven, vrijmetselaar zijn, i) en met de groote Joden van andere landen, bijvoorbeeld van Frankrijk, — aan wier argeloosheid gij toch niet kunt gelooven, — gemeene rekening maken. Zij verschillen van hen in niets, wat aangaat hun beurs-intrigues, hun woeker, hun gouddorst, hun brutaliteit; velen zijn agenten der Franschen goudkoningen. Waartoe namen te noemen? — Ga de Beurs op en overtuig U.

Moet ik U hier misschien Pincoff's herinneren, de hooge bescherming der Loge over dien Semiet, en de mystieke iverwijderingquot; van den gauwdief, die gij niet verklaren kunt dan door aan te nemen, wat de Anti-Vrijmetselaars Pers zonneklaar in het licht stelde, 2) dat die Jood en zijn kliek het gerecht te machtig waren?... Hebben zij sinds van hun invloed verloren?... Laat gt;de groote kiezer van Nederlandquot; U inlichten!

Een derde bewijs, dat ik u in overdenking laat, is het volgende. Zoudt gij inderdaad eene vereeniging, wier werken en geheime bedoelingen gij niet met zekerheid kendet, met recht verdenken een dievenbende te vormen, als gij wist, dat een braaf diakonie-man-

netje er de Voorzitter van was?..... Zeker, neen! Maar omgekeerd,

kan men de groote massa der Joden als onschuldige kinderen beschouwen, als men weet, dat in het algemeen de Jood ons haat, de Moderne Joden ons haten met een woedenden hartstocht, en het feit vaststaat, dat de Opper-Rabbijn van Noord-Holland, zetelende te Amsterdam, Dr. Dunner, onder de Raadsleden van de lAUiance Israelitequot; behoort, dat is in direkte betrekking staat tot Joden als Isidor, Hirsch, Cammondo, Pereire, Reinach, Leven en voorheen Cremieux? — Als men weet, dat de Opper-Rabijn dier Joden, zeg ik, een der kopstukken is der wier doel—

getuigen hun woorden en werken, — de verdrukking, de geweldige vernietiging is van de Christen-maatschappij, ten bate van de Semitische »Natie?quot; Als men weet dat hun Opper-Rabbijn een der hoofdleiders is der Vrijmetselarij volgens het getuigenis door br.-. br.*. zelve geschonken?.... 3) Dergelijke beweringen missen allen schijn van waarheid; waren onze Joden zuiver Mozaïsten hun Rabbijn zou eveneens wezen; meent gij, dat ik aan een Calvinis-

1) De loge te Amsterdam was reeds voor 80 jaar een der verlichtste der wereld. O blanke trouw van de ilsraelieten in Nederland! Och ja!.,..

2) Zie vooral de „Maasbodequot; van dien tijd.

3) Zie boven, waar wij de ,.Alliancequot; en de Vrijmetselarij bespraken.

ocr page 82

— 74 —

Men gelooft hen te kennen, omdat men hun baard gezien heeft; gelijk in de Middeleeuwen zijn de Joden nog immer een wandelend geheim.quot;

Bovendien: Meent gij te kunnen bespeuren, wat studie van jaren aan de diepzinnigste geschiedvorschers eischte?

Wat die vriendelijkheid betreft; zijt gij den zoeten glimlach van Gambetta vergeten na den moord van 15000 Franschen?

O zeker kunnen de Joden gedienstig en vriendelijk wezen, — zij kunnen welwillend U steun aanbieden voor Gemeenteraad en Kamer, zij kunnen uw christelijke werken helpen slagen, —..... gt;de geschiedenis is de beste leermeesteresse der volkeren, zegt Baumstark, maar weinigen helaas willen er uit leeien!quot; —

Die kleine minderheid der Natie moet immers wel met sluiksche middelen tot haar doel komen! Maar wee, als zij de meerdere is geworden! Roepen Frankrijk, Oostenrijk, Italië, Rumenie ons dan de waarheid niet toe, dat de ooren er van tuiten?....

Voordat de Jood geheel meester is, werkt hij immer in het geniep.

Vragen wij dus aan enkele feiten, wat van onze Joden te denken. Ons antwoord zal uw izuirer Mozaïschequot; Nederlandsche Joden wel ontgoochelen, — Maar de waarheid moet in Nederland ook eindelijk gezegd worden!

Gij zegt dus, dat onze Joden zuivere nalevirs van het Alozaisme zijn.

Maar er is op de eerste plaats niet aan te twijfelen of, aardrijkskundig en historisch, zijn onze Joden voor de groote menigte zelf Talmud-Joden of minstens afstammelingen van volgelingen des Talmuds; deze nu staan lijnrecht tegenover de »Mozaische Joden.quot;

Ziehier het bewijs. —

Nadat de Talmud den Joden als wet was voorgesteld, scheidden zich in de 8ste eeuw de Caraiten («volgers van den tekstquot;) van de Talmuddisten 1) af; de eerste kenden alléén aan het Oude Testament kracht van Wet toe. Alle schrijvers 2) echter komen overeen, dat deze Caraiten slechts in Palestina, Syrië, Egypte, Zuid-Rusland en Polen worden gevonden. De Talmud-Joden waren over Italië, Spanje en geheel Westelijk Europa verspreid; dezelfde schrijvers beweren dat de Caraiten nog geen 5000 man tellen.

Durft gij nu in ernst opstellen dat Nederland hier een uitzondering op maakt, en, om iets te noemen, onze Joden onmiddelijk

1] Dezobry en Bachelet op. cit. Prideaux ..Histoire des juifsquot; Liv. 13 T. 2. p. 162. Bouillct op. cit. Eergier op cit. Bruker „Histoire crit. phil.quot; T. 2. p. 730 etc.

2] Dezelfde schrijvers en andere dictionnaires.

ocr page 83

— 75 —

uit Polen of Egypte ons toegewaaid zijn ? Dit gelooft ge zelf niet! — De massa is dus zeker afstammeling der Talmud-Joden^ en, wat van deze te denken valt, laat geen twijfel.

Dit reeds doet een zwaar vermoeden tegen onze Joden rijzen.

Ten tweede; toen eenige jaren geleden de Talmuddisten, in ons land, ter sprake kwamen, wat geschiedde?... Is er één Jood geweest, die U het doorslaand bewijs gaf van afgelegden haat, met de woorden: »De Talmud is een gruwel, een gewetenloos wetboek, ik verloochen die Satanische wet, en al wat gij Christenen beweert, dat zij predikt.quot; Geenszins: en zie dit feit onder de oogen lezer. Wat was hun verdediging? gt;Alles, wat gij den vlekkeloozen Talmud aanwrijft is vuige laster,quot; de leeraren der Hoogeschool werden zelfs — hoewel tevergeefs, — ingeroepen om dit antwoord te beamen.

En dit zeggen wij niet, omdat wij zouden gelooven, dat juist de Joden het meeste gezag hebben waar 't het recht begrip van den Talmud geldt, — heeft toch niet, eenige jaren geleden, de Christen Dr. Roling de Rabbijnen van Duitschland op het Orientalistische Congres uitgedaagd, om hen over hun gebrek aan kennis der He-breeuwsche taal op de kaak te stellen ?...

Dr. Perel weet ook iets van de yhoogequot; geleerdheid der Israëlieten mee te praten 1

Waarom wemelen de moderne Universiteiten van Joden r.... Om hun grootere kennis of, omdat de vrijmetselarij hen op den voorgrond tnoe! stellen?... Dit zij ter loops aangemerkt.

Maar het bevvijs blijft staan;

Zoolang onze Joden geen ander wederwoord hebben dan den klaar b tijkelij ken leugen gt;het staat niet in den Talmud,quot; zoolang verdenkt het gezond verstand hen van verstandhouding met dien Talmud, en van deelneming in zijn geest: en die geest is onverzoenlijke Christenhaat.

En die gevolgtrekking blijft staan in volle kracht, al verloochenen de Joden soms ook den Talmud om ons zand in de oogen te strooien.

Ziehier eene leerzame geschiedenis, die dit ons besluit wettigt.

Toen de gt;Universquot; in 1859 den Talmud aanviel, kwam S. Cahen daar met kracht tegen op. Maar op welke wijze? Hij verloochende den Talmud, noemde het een boek vol verzinselen, vol bijgeloovige bespottelijke dwalingen enz... een boek, waaraan de Joden geen het minste gezag toekennen (brief aan de »Universquot; 20 Dec. 1858:

ocr page 84

— 76 —

daar geheel weergegeven.) Nu was Samuel Cahen met Isidore Cahen, zijn vader, Redacteur van de gt;Archives Israelites.quot;

Is het niet ongeloofelijk, dat op hetzelfde oogenblik, waarop Samtiel, de eene Redacteur der gt; Archivesquot; dit aan den «Universquot; schreef, de andere Redacteur aan de 8ste Uitgave van zijn, Joden-catechismus i) was, — waarin met eigen woorden te lezen staat; dat de Talmud evenveel gezag heeft als de geschreven Mozaïsche wet?

Of zou men soms op den inval komen, te beweren, dat de beide Redacteuren, Vader en Zoon over dit belangrijkst punt van het Jodendom van meening verschilden? Dit is immers volslagen onmogelijk! — Dan waren ze immers samen geen Redacteur van het hoofi/orgaan der Joden 1 — Maar mocht ook de Christen, de »Universquot; niet veilig belogen worden?...

Toen de gt;Universquot; den Heer S. Cahen dit feit had voor de voeten geworpen, staakte de Jood onmiddelijk de polemiek!

Is het wonder, dat wij alle polemiek met deze, gewetenlooze schrijvers moeten weigeren? —

Hoe werd Napoleon, in 1806, te Parijs, door de vereenigde Rabbijnen belogen, toen hij hen ontbood, om te onderzoeken of hun leer zijn Christen-onderdanen niet schaadde? Gelukkig liet de Vorst zich niet om den tuin leiden maar vaardigde hij, ondanks hun schandelijke, meineedige beweringen, strenge wetten tegen hen uit. Helaas.... na zijn val emancipeerden de Joden zich weer! —

Neen, — het is geschiedkundig eene dwaasheid, aan zuiver Mozaïsme bij onze Joden te gelooven, — en het is bespottelijk, hun beweringen, — hoe luide zij mogen roepen, — een oogenblik vertrouwen te schenken! Zij moeten den Christen'bedriegen, volgens den Talmud: wat wil men meer?

Vervolgens beweert gij mij, dat onze Joden hun nationaliteitsidee hebben verworpen, en als eenzame zwervelingen tusschen de beide kampen van Christendom en Jodendom dolen. Hoe? Zijt gij dan het voorval in de VVarmoesstraat vergeten, toen de geheele Amster-damsche Jodenbuurt als één man opstond, om den hoon te wreken een Jood als Jood aangedaan, vermits hij als Jood in een koffiehuis aan de deur was gezet? Vergt gij een nog duidelijker bewijs, dat in onze Joden het idee der «natiequot; tot in den bodem der ziel is geworteld r...

Een ander bewijs. Het is een onbetwistbaar feit, dat vele van

1) „Precis d' instructions religieuses et morales aux jeunes Israélites Frangaisquot;, I. Cahen. 1848. (1858, Achtste uitgaaf.)

ocr page 85

— 77 —

onze groote Joden, die gelijk in alle landen aan de massa den toon geven, vrijmetselaar zijn, i) en met de groote Joden van andere landen, bijvoorbeeld van Frankrijk, — aan wier argeloosheid gij toch niet kunt gelooven, — gemeene rekening maken. Zij verschillen van hen in niets, wat aangaat hun beurs-intrigues, hun woeker, hun gouddorst, hun brutaliteit; velen zijn agenten der Franschen goudkoningen Waartoe namen te noemen? — Ga de Beurs op en overtuig U.

Moet ik U hier misschien Pincoff's herinneren, de hooge bescherming der Loge over dien Semiet, en de mystieke gt;verwijderingquot; van den gauwdief, die gij niet verklaren kunt dan door aan te nemen, wat de Anti-Vrijmetselaars Pers zonneklaar in het licht stelde, 2) dat die Jood en zijn kliek het gerecht te machtig waren?... Hebben zij sinds van hun invloed verloren?... Laat ide groote kiezer van Nederlandquot; U inlichten!

Een derde bewijs, dat ik u in overdenking laat, is het volgende. Zoudt gij inderdaad eene vereeniging, wier werken en geheime bedoelingen gij niet met zekerheid kendet, met recht verdenken een dievenbende te vormen, als gij wist, dat een braaf diakonie-man-

netje er de Voorzitter van was?..... Zeker, neen! Maar omgekeerd,

kan men de groote massa der Joden als onschuldige kinderen beschouwen, als men weet, dat in het algemeen de Jood ons haat, de Moderne Joden ons haten met een woedenden hartstocht, en het feit vaststaat, dat de Ópper-Rabbijn van Noord-Holland, zetelende te Amsterdam, Dr. Dunner, onder de Raadsleden van de »Alliance Israelitequot; behoort, dat is in direkte betrekking staat tot Joden als Isidor, Hirsch, Cammondo, Pereire, Reinach, Leven en voorheen Cremieux? — Als men weet, dat de Opper-Rabijn dier Joden, zeg ik, een der kopstukken is der Moderne Joden^ wier doel — getuigen hun woorden en werken, — de verdrukking, de geweldige vernietiging is van de Christen-maatschappij, ten bate van de Semitische »Natie ?quot; Als men weet dat hun Opper-Rabbijn een der hoofdleiders is der Vrijmetselarij volgens het getuigenis door br.-. br.-. zelve geschonken?.... 3) Dergelijke beweringen missen allen schijn van waarheid; waren onze Joden zuiver Mozaïsten hun Rabbijn zou eveneens wezen; meent gij, dat ik aan een Calvinis-

1) De loge te Amsterdam was reeds voor 80 jaar een der verlichtste der wereld. O blanke trouw van de ilsraelieten in Nederland! Och ja!.,..

2) Zie vooral de Maasbodequot; van dien tijd.

3) Zie boven, waar wij de ,,Alliancequot; en de Vrijmetselarij bespraken.

ocr page 86

tische gemeente zou gelooven, als ik er een Lutherschen herder ontwaarde? Neen! Onze stelling, die door het algemeen bewijs reeds vaststond, tenzij stevige tegen-bewijzen eene andere grondden dat onze Joden in massa moeten worden uitgezonderd, — die stelling, broeders, wordt integendeel noch door onmiddelijke argumenten gesteund.

Zonderen wij dus onder ons, gelijk overal, eenige brave Joden uit, die biddend en zuchtend hun heil verwachten, — de groote menigte is ongetwijfeld van der natie echten geest doordrongen, onze Joden zijn niet minder der Christenen vijanden, dan de Joden van Duitschland, Oostenrijk, Frankrijk en der andere Westersche landen, en zij zijn voor ons niet minder doodelijk gevaarlijk, dan zij het in andere landen waren en zijn.

Na aldus, naar wij meenen, alle moeielijkheden te hebben weggeruimd, door deze lezers ons opgeworpen, komen wij tot de vijfde groep; daar wacht ons; »Ja, dat boekje spreekt waarheid er moet gehandeld worden; maar hoe?quot;

Gij hebt het gehoord; wij prediken geen gewelddadige Jodenvervolging^ de rechtvaardigheid gruwt er van! Maar wij smeeken Christenbescherming met woord en met daad.

Christenbcscherming in Christenlijke liefde verleend, ziedaar ons voorstel.

Christenbescherming tegen den Jood, uit zelfverdediging, — dac is: uitsluiting van de natie, van de mannen, die, hoewel in naam onze burgerrechten deelende, van eene andere nationaliteit zijn dan wij; uitsluiting, al heeft de Jood van die gelijkheid van rechten, volgens den bekeerden Jood Goscher, wederrechtelijk een stuk gemaakt, waarvan het bestaan der Europeesche politiek afhangt i); uitsluiting, overal waar invloed onder de Christenen geoefend wordt, ziedaar, wat wij vragen.

i] Zie boven no V. vergelijk ook: Les Magons Juifs. Louvain.

ocr page 87

Wij vragen daartoe aansluiting bij de meening door den hofpre-dikant van Duitschlands Keizer (Stoecker) in 1884 openbaar verdedigd: gt;De houding der Joden is voor alle beschaafde volkeren een gt;gevaar.... eene algemeene bond tegen de Joden, om dezen invloed te gt; vernietigen is een onbetwistbare plicht voor de Christelijke wereldquot; iDe gelijkheid voor de wet der Joden, ook in den zin van ge-• lijkheid van burgerrechten, is in lijnrechte tegenstrijdigheid met shet wezen van den Christelijken staat.quot; Dit is ook Bismarck's meening boven aangehaald (p. 32) dit was Napoleon's oordeel toen hij zeide: gt;de Jood is een staat in den Staat,quot; — toen hij hem volgens alle Christelijk en menschelijk recht, tot zijnen toestand van vreemdeling terugbracht in Frankrijk.

Wij vragen daartoe dat er gewerkt worde in den geest van het Anti-Semitisch verbond 1) en van de Anti-Vrijmetselaars-ligue; laat de man van naam en gezag opstaan, die de regeling van dit heilig werk moedig in handen neemt!

Christenbescherming tegen den Jood!... Weigeren wij ons met hem in te laten; moet het mannelijk besluit worden genomen dat in Februari '88 de Berlijnsche Christenen naraen: gt;geen koop meer bij Joden, geen verkoop meer aan hen,quot; dan zal de Jood los barsten, wij weten het, maar hij zal machteloos wezen, en ons recht is heilig! —

En werpe men niet op ; de Jood bedient mij het best in mijne zaken! Laat het waar wezen, maar bedenk dat als we allen de handen ineen leggen, de Jood weldra machteloos zal worden; dan zal de Christen U het beste bedienen, de Christen de eigen zoon des lands zijn rechten hernemen, hem door den vreemdeling ontroofd. Bedenk, dat de Jood het op uw kinderen of uwe medechristenen wreekt en zal wreken, waar gij hem nog te machtig waart. Bedenk, dat de mannen van invloed het eerst de plicht dragen den Jood den rug te keeren, en daardoor den stoot te geven aan eene beweging, waarvan ons bestaan als een Christenrijk afhangt! — Wij vragen Christenbescherming tegen den Jood 1... Die Staat in den Staat, welken de Joden overal vormen 2), die Staat tegen den Christen-Staat, het is aan ons, dien niet te versterken. Geen Joden dus in Gemeenteraad maer of Kamer: zij kunnen, zij mogen geen Christenen vertegenwoordigen 1

1) Drumont kan daarover inlichtingen geven, hij woont te Parijs Rue de l'uni-versité 105.

2) Ronald, ,,le Juifquot;; Herder ..Adrastéequot;4 Renan ,,De Joden vormen overal een staat in den staat.quot; (Revue des deux Moudes i86«.)

ocr page 88

Houden wij ons overtuigd, dat wij de ontchristelijking van Nederland, waarop de Jood het van nature gemunt heeft, niet in de handen mogen werken; dat rij tot vernietiging van bloei en welvaart zal leiden; dat het kwaad in de kiem moet gesmoord worden, en dat, indien wij den Jood niet weren van onzen haard en altaar, hem in laten dringen in onze zaken, in ons o n d e r w ij s, in ons Staats- en Stads- bestuur, en daardoor praktisch in de regeling van den Christelijken godsdienst, — dat dan het woord ook bij ons in vervulling zal gaan, dat met al zijn verschrikking zes en dertig milliocn Franschen dreigt, het woord van den Jood Stern:

gt;Ik weet niet, hoe over eenige jaren een Christen nog zal kunnen leven,quot;

leven dat is bestaan, — leven, dat is de plichten van zijn godsdienst vervullen.

ocr page 89

Naschrift.

Wij wijzen gaarne de bronnen aan, waaruit deze verhandeling geput werd.

Wij leggen gereedelijk onze bewijsstukken over, opdat aan ons werkje het gewenschte gezag niet moge ontbreken: ons besluit, in geen twistgeschrijf over den inhoud te treden, zal hierdoor van zelve gerechtvaardigd worden.

Wat het belang der Christen-zaak ons deed in het licht stellen, vooroordeel en eigenbelang zullen het hardnekking ontkennen. Drumont, Taxil, Rohling, Toussenel, Desportes, allen die de Joden durfden onthullen, hebben dit vóór ons ondervonden. Zoo min echter mijne voorgangers van leugen of dwaling overtuigd wer-(jell) — hoe luide de bent de stem mocht verheffen, — zoo min zal men tegen mij doorslaande redenen aanvoeren.

Men zal op onbeschaamde wijze de tastbare waarheid loochenen, — wij weten het, maar wij zullen zwijgen.

Men zal mogelijk vallen over weinigbeduidende onjuistheden, die in ieder menschenwerk insluipen, — wij zullen eveneens zwijgen.

Men zal, tegen alk: goede trouw en beter weten, ons met laster betichten, — nogmaals, wij zullen zwijgen.

Wij achten den kamp met onwil, eigenbelang, en trouweloosheid nutteloos.

Het gezond verstand zal beslissen, wie de waarheid voorstaat, — wij, die steunen op ontelbare belangelooze getuigenissen, of een vijand, wiens sluwheid en wiens bedrog berucht, ja, spreekwoordelijk zijn bij alle Christenvolkeren.

ocr page 90

(Jjfoi/iieif vluj dit Weekje.

Drumont, la France juive.

Fleury^ les Juifs et les Chrétiens. de BonaU., le Juif.

Rupert, 1'Eglise et la Synagogue. Toussenel,\es]mk Rois Herépoque. J. de Biez, la question juive. J. de Magdeleine. la France juive

et la France catholique. Bismarck, Redevoering in den

landdag 1847.

Justus, Judenspiegel.

Prideaux, Histoire des Juifs. Eisenmenger, Judaïsme.

Cerfheer de Medelsheim, les Juifs. Kurion, la politique israélite. Quantin, Papiers inédits du due

St. Simon.

Dcsportes, le Juif Franc-Macon. Drach, de l'harmonie entre 1'Eglise

et la Synagogue.

Chabauty, Juifs et Franc-Macons. Leo Taxil, les frères des 3 points. X, Der stille Freimauerei.

Onclair, la Franc-ma^onnerie contemporaine.

de Saint-Andri, Franc-Macons et Juifs.

fr.-. Ragon, Rituel de la F. Mac. Rosen, Satan et Cie.

Robison, Geheime samenzweringen.

X, Les Masons Juifs (Tournai.)

X, Jodendom en Vrijmetselarij (Turnhout.)

J. Cahen, Précis élémentaire d'in-structions religieuses et morales aux jeunes Israélites francais. (Rédacteur des Archives Israelites.) : Revue des Etudes Juives. j H. Desportes, Het bloedgeheim bij de Joden.

Laurent, Relation historique sur les affaires de Syre.

5 Bauer, le Judaisme en France.

L. Ferrari, Prompta bibliotheca. I Maquar, Tastes de Bohème.

Eudel, le Truquage.

Chaucer, Rècit de la prieure.

Awelot de la Houssage, Abrégé du procés fait aux juifs de Metz.

F. Damner. le Culte du Moloch chez les Juifs.

Lebon, la civilisation chez les Arabes.

Brnedetti, Ma mission en Allemagne.

Neofitus, Rnine de la religion hé-braique. (Het Christenbloed bij de Joodsche ritueele gebruiken — v. Leeuwen, Leiden.)


ocr page 91

- 83 -

Reclus, France, Algcrie, Colonies.: iVIsraeli, Coningsby.

d'Israeli, Endymion.

Albertus, Oesterreich's innere

1 \

politik.

gt; Volksblatt.quot;

• Wiener Vaterland.quot;

Glagau. Des Reiches Notli.

lamy, la République en 18S3. Andrieux. Souvenirs d'un préfet

de police.

Barruel, Mémoires.

Delaville les Israelites de Paris. Drach, lettres sur la question d'usure.

Fovard, les origines de l'église. Serre, les Arabes Martyrs. Mirimeé, lettres a Patrizzi. L. Veuillot, Aftaire de Mortara. Busch, le Conite de Bism. et Sa suite pendant la guerre.

Général Ducrot, la vérité sur l'Algérie.

Bouzet, les Israélites indigenes d'Orient.

Revue du Monde Catholique 1889.

Association Catholique 1883.

Reveu des deux mondes 1818 (Renan.)

Revue des deux mondes 1883 (Ktintz.)

Eergier, Dictionnaire théologique.

Dezobry, Dictionnaire historique.

Bouillet Dictionnaire de biographic.

Balmez, Protestantisme et Catho-licisme.

Hardion, Histoire Universelle.

Chrétineau-Joli, l'Eglise romaine en face de la Revolution II.

de Rossi, Bibliotheca judaica anti-christiana.

Pascal, la Franc-Maconnerie.


ocr page 92

INHOUD.

Inleiding. .... blz. 3

I. De «natiequot; .... »5

II. Over de sluwheid en valschheid der Joden » 14

MIDDELEN DER JODEN.

III. Het goud .... gt;16

IV. De Pers .... gt;19

V. Het «schoonste werk der nieuwere tijdenquot; gt; 22

VI. De Vrijmetselarij . . . gt;23

DE GEVOLGEN.

VII. Wereldmacht der Joden . . »28 DE JODEN MEESTER IN EEN CHRISTEN RIJK.

VIII. Frankrijks politiek leven in

de laatste jaren »

34

IX. » burgerlijk »

gt; « gt; gt;

52

X. BESLUIT.

69

Naschrift.

«

81

Bronnen van dit werkje. .

«

82

ocr page 93
ocr page 94
ocr page 95
ocr page 96