ocr page 1

Vak 122

fölTlüNtiü.

v

ocr page 2
ocr page 3

r -

-

_

ocr page 4
ocr page 5
ocr page 6

de H. FRANCISCUS van ASSISIE

i'ntixijl di'n i i'iX/t'lt;-Joriuoncu£l' ■

'ügli

ocr page 7

'/

t n Tt' | i . m

P A 1) T

|t

! i i

mUiW LA;1

.1

g e'sl' 11 ] el) e]v' \ s

van dek

imtltrgi ^-vi

-•'j lieve vrouw der ■ ■ 4^

'fermeerdbkü met . ; n i g e g e bede

quot; •' quot; lerilt; ter ■ ••; de o.-j

#

^quot;iderbrofders-capneyueif

4; tweede o ruk.

; vy

jtlboro, - #/^7 « vvffi

•■.'•: 'mkter-;;. - iï lcmtés

di*-

-

__

ocr page 8

; !

.:': I ;

*:AfK ;v

■«:

S'iai

-•• ■ ■ .r,,v¥--'.

' Uquot; :■ -'quot;v.- quot;•

s/' a

. ■:■ _■. v . -

Dfc

H f R A N C i S C US ANlf SSIZ i E

■iïktfïdcn ^ Ifian/ ■ .\/i :Joi (utfunUa amp; fJ* --Ct quot;

ocr page 9

Ka/klamp;l

PORTIÜNCÜLi1

-----

GESCHIEDENIS

VAN DEN

beroemden Aflaat

VAN

Onze Lievo Vrouw der Engelen,

VERMEERDERD MET

EENIGE GEBEDEN

door een Priester van de Orde der Minderbroeders-l'itpncijnen.

-^=1^ TWEEDE pRUK. ^i=^...

TILBURG,

Boekdrukkerij van N. Luijten.

1 8 9 5.

ocr page 10

EIGENDOM.

ocr page 11

VOORREDE.

In het jaar 1JS2 wen! te Assisii', eemt kleine stad van Owhrir, verscholen in de bergen der Appmijnen, uit eene aanzien-lyke koopmansfamilie een kind cjehoren, dat door den Allerhoogste tot buitengewone zaken was bestemd. Reeds hij deze geboorte i hadden er jeheurtemssen plaats, welke een ieder moesten bevreemden en duidelijk de roorbeschili-king van dat kind te kennen gaven, lot de jongelingsjaren gekomen was er een oogenblik in datieven, waarop hij zich den ydelen roem der wereld overqaf doch door God op eene buitengewone wijze geroepen, zou hij dien ij delen roem slechts kennen om dezen aanstonds onder de voeten i efm-. Deze jongeling zou een nieuw . leven beginnen, de verachting van het aard-sehe dryven tot eene tot nog toe ongekende vrijwilhge armoede, de onthechting aan zijn lichaam tot de strengste boetvaardig-heid. Der H. Kerk tot steun en sieraad zou zijn geest van onthechting en versterving tot in het verre nageslacht blijven

)le! HS*ran) r'1 in de lancje rei der heMlt;gt;n, de Heiügen Gods zal hij gekend zijn als

inneZfJH f ^ eme eereplaats

mt'm mn ^RANciscus

ocr page 12

Em der hoofdtrekken in het wonderharp leven van dezen Heilige is ontegenzeggelijk zijne medelijdende liefde jegens den lijdenden (xodmensch. Door de overweging der smarten en pijnen, welke Jesus voor ons verduwrd heeft, ontvlamde meer en meer zijn serafijnsch hart. Vooral werd hij diep getroffen door de beschouwing, dat zoovele zielen, vrijgekocht door het dierhaai Bloed van Jesus , door de zonde verloren gaan; daardoor werd hij aangespoord de vurigste gebeden voor de bekeering der zondaren ' hemelwaarts te zenden , en voor hen goiade en barmhartigheid af te smee-ken.' En Jesus, den brandenden zielenijver van zijn dienaar willende beloonen, schonk hem op zijne bede dien beroemden aflaat, welke in de H. Kerk bekend is als de AÜaat van Portiuncula.

Reeds meer dan 6' eeuwen wordt telken jare de geestdrift opgewekt bij het naderen 'van het tijdstip, waarop men aan de gunsten van dezen aflaat deelachtig kan worden. Van heinde en verre begeven zich duizenden en duizenden naar die plaatsen, waar het groote voorrecht, aan den Serafijn van Assisiëgeschonken, kan genoten worden. Op dien dag van buitengewone zegeningen en genaden zijn zoovele christenen met den

ocr page 13

re vurigsten ijver bezield en getroosten zich jl- dikwijls de grootste moeiten en opoffer hu/en, n- om de vruchten van dezen aflaat te lamer nen verdienen.

ns Om dezen waren godsdienstzin nu in de

er harten te versterken, maar ook oin den

lij oorsprong en de verspreiding van dezen

at aflaat heter te doen leeren kennen, wil ik

ir den geloovigen dit werkje aanbieden,

m Hef eerste gedeelte bevat de geschiedenis

ie oan hei ontstaan der kapel van Portiuncula,

er welke later de bakermat en hoofdkerk der

or Orde van den H. Feanciscus geworden is,

e- benevens den oorsprong en de verspreiding

•gt;r van den beroemden Aflaat Tan Portiuncula.

Daarna worden de vereischten aangetoond

-1 0m deszelfs vruchten te kunnen genieten ,

le de gesteltenissen aangegeven om ze in onze

zielen te bewaren.

'.n In het tweede gedeelte worden den geloo-

;n eigen eenige gebeden aangeboden, van ivelke

i- sommigen reeds met gedeeltelijke aflaten verrijkt zijn; daarin zal men genoegzaam

h voedsel vinden voor zijne godsvrucht van

t, dezen dag, zoodat dit werkje mag beschouwd

n worden als een gemakkelijk handhoekje, zeer

i. dienstig voor den feestdag van 2 Augustas,

n ( Dat dan deze weinige bladzijden hijdra-

n yen om de liefde en hoogachting voor dezen

.

ocr page 14

heroemden aflaat in de harten der yeloo-vi(jen op te rvekken, om hen aan te sporen zich te beijveren volgens vermogen aan deze groote gunsten deelachtig te worden. Dat zij hierdoor mogen worden opgewekt om het voorbeeld en vooral den geest van den H. Fkanciscus , een leder in zijnen levensstaat , na te volgen. De geest van onthechting en versterving, van gebed en liefde tot den gekruisten Jesus , in welken geest Feaxoiscus den Aflaat van Portiuncula heeft afgebeden en verkregen, zul ook het voorname middel zijn om de vruchten in de harten te bewaren. Het is immers de gehechtheid aan het aardsche en vergankelijke , het streven om de wensehen van hef menschelijk hart in alles te bevredigen, waardoor zoo velen door koelheid ten opzichte van Jesus , door onverschilligheid omtrent het eeuwige en onvergankelijke worden aangetast, en aldus de weg tot zonde en ongerechtigheid geopend wordt. Doch de beoefening van den geest van Frasciscus zal de ziel tegen vele gevaren versterken, haar voortgang doen maken in de deugd, en haar met eene menigte verdiensten voor de eeuwigheid verrijken.

Tilbürg , 1894.

ocr page 15

Eerste Gedeelte.

ocr page 16
ocr page 17

KAPEL VAi\ PORTIÜWCÜLA, bakermat en hoofdkerk der Orde van den H. Franciscus.

t 0 R T 1 u N 0 u ï- A i® de uaam eener WftL'quot; kleine kapel, toegewijd aan Onze Lieve Vrouw der Pengelen, in de onmiddelljjke nabijheid der stad Assisië gelegen. De oorsprong van dit nederig kerkje, dat eenmaal zulke vermaardheid zou verkrijgen, klimt op tot eene zeer hooge oudheid. Geloofwaardige schrijvers getuigen , dat het reeds in het midden der 4de eeuw , omtrent het jaar 352 , gebouwd is. De H. Cyrillus, Patriarch van Jerusalem, verhaalt in een brief' aan Keizer Constantjjn , dat in het jaar 351 aan het luchtruim een helder schitterend kruis verscheen, nog glansrijker dan de zon, dat zich uitstrekte van den

ocr page 18

10

top van den Calvarieberg tot aan den Hof val van Olijven. vie Korten tijd na deze hemelsche verschij- He ning verlieten 4 godvruchtige kluizenaars dei Jerusalem, om het graf der HH. Apostelen he: Petrus en 1'aulus in de hoofdstad der len christenheid te bezoeken , en zich vervol- ka gens in het Westen te vestigen. De grootste ooi schat, dien zij met zich droegen, bestond Vi in eene reliquie van het glorievolle graf dei der Allerheiligste Maagd Maria, welke de mi H. Cyrillus hun geschonken had. Zij kwamen te Rome aan onder liet bestuur van be Paus Liberius, die hun den raad gaf, Mi nadat zij hunne godsvrucht zouden bevre- we digd hebben, zich naar de vallei van ve Spoleto te begeven, en daar een gunstig D( gelegen punt te kiezen. Deze raad werd ee opgevolgd , en zoo kwamen de vier pel- kl grims te Assisië , om aanstonds in de na- lei bijheid dier stad eene kleine verblijfplaats aa met een eenvoudig kapelletje op te richten. K( In dit heiligdom werd met den meesten ee eerbied de kostbare reliquie van het graf dl der Allerheiligste Maagd geplaatst; het , tei werd toegewijd aan de Moeder des Heeren, he ouder den titel van Onze Lieve Vrouw van toi Josuphut, als eene herinnering aan de he

9

ocr page 19

11

vallei, waar het zuivere lichaam der onbevlekte Maagd eenigen tijd gerust heeft. Het altaar werd versierd met eene schilderij , Maria's glorievolle opneming ten hemel , te midden van eene menigte Engelen, voorstellende. Om deze reden werd de kapel van Onze Lieve Vrouw van Josaphat ook wel door de geloovigen Onze Lieve Vrouw ter Engelen of Onze Lieve Vrouw der Engelen genoemd , onder welke benaming zij nu nog bekend staat.

De buitengewone gunsten, welke in die bevoorrechte plaats door de voorspraak van Maria verkregen werden, maakten het weldra tot een voorwerp van bijzondere vereering voor al de omliggende streken. De kluizenaars van hunnen kant leidden een zoo heilig leven in de schaduw dezer ideine kapel , dat in korten tjjd verschillende inwoners van dat land zich bij hen aansloten, om als eene eerewacht voor de Koningin der Engelen te vormen. Doch eenige jaren later trokken de kluizenaars, die van Jeruzalem gekomen waren, zich terug in de Romagna of Emilië, het heiligdom aan de zorg hunner leerlingen toevertrouwende, wat door dezen gedurende het tijdsverloop van meer dan eene eeuw

ocr page 20

--T-

12

nauwkeurig Yervuld werd , terwijl hunne dei kleine klooster - gemeente langzamerhand gel aangroeide. Doch ook zij zouden op hunne vai beurt deze eenzaamheid en dit heiligdom lm verlaten, dat door de goddelijke Voorzienig- nk heid weldra zou gesteld worden in bewaring kle van den H. Benedictus, den Aartsvader un der Monniken van het Westen. res En werkelijk , toen Benedictus in het die jaar 516 voorbij Assisië kwam, zag hij dit nai kleine heiligdom van Onze Lieve Vrouw ]at verlaten en bijna in een puinhoop veranderd. Bij het zien van dezen ellendigen be( toestand gevoelde hij zich door eene hoogere gel ingeving aangespoord het stadsbestuur van nei Assisië te verzoeken, dit kapelletje te willen zo( afstaan aan de Orde, welke hij zou stichten. de( Dit verzoek werd zonder de minste moeite scl ingewilligd , en aanstonds nam Benedictus op er bezit vau. Hij liet het met zorg her- lig stellen , en zond er eenigen zijner klooster- kk lingen heen om er de godsvrucht tot de lijl Koningin der Engelen te onderhouden. Op Ee deze plaats is echter nooit een groot of ge aanzienlijk klooster geweest; bij de opkomst Te hunner Orde hadden de Benedictijnen eene ge Abdij gebouwd op den berg Subasio, onge- de veer anderhalf uur van Onze Lieve Vrouw nu

_L

ocr page 21

13

der Engelen, langs den kant van Spoleto gelegen ; hier hadden zij slechts eene soort van residentie voor een klein getal kloosterlingen. Het daarbij behoorende goed was niet aanzienlijk en bestond slechts uit een kleinen akker, een stukje grond, porfA-uncula terreni. Om deze reden werd deze residentie in de Orde van den H. Bene-dictus gewoonlijk aangeduid onder den naam van P o r t i n n c u I a , welke naam later aan de kapol zelf gegeven werd.

Terwijl de Benedictijnen dit heiligdom bedienden, hadden daar buitengewone gebeurtenissen plaats. De Engelen verschenen veelvuldig in deze nederige bidplaats, zooals een oud handschrift verzekert, en deden er gedurende den nacht hunne hemel-sche gezangen hooren. Een kloosterling zag op zekeren dag een ladder, die van dit heiligdom tot aan den hemel reikte; Engelen klommen voortdurend op en af, Gods heerlijkheden en die zijner Moeder bezingende. Een andere heilige kloosterling zag dezelfde geheimzinnige ladder gedurende den nacht. Tengevolge van deze hemelsche verschijningen werd de naam van Onze Lieve Vrouw der Engelen, welken de kapel reeds droeg, meer en meer bevestigd , terwijl zij ook

ocr page 22

14

voortdurend in de hoogachting en vereering der goloovigen steeg. Uedurende verschillende eeuwen werd dan dit heiligdom door de zonen van Jlenedictus bediend ; doch in het jaar 1075 was het aangrenzende kleine klooster zoodanig vervallen, dat het onbewoonbaar word. De kloosterlingen trokken zich allen terug in de naburige Abdij van Subasio, tot wier eigendom Portiimcula bleef behooren, en alzoo was dan het heiligdom van Onze Lieve Vrouw der Engelen eene tweede maal verlaten.

intusschen hielden de geloovigen niet op zich voortdurend naar die plaats te begeven , om er den krachtigen bijstand van de Koningin der Engelen af te smee-ken. Onder hen zag men dikwijls de goedaardige en godvruchtige echtgeuoote van den rijken koopman Petrus Bernardone, Pica genaamd, die door de Voorzienigheid tot moeder van den Serafijn van Assisië bestemd was. Zij had de gewoonte deze bevoorrechte plaats dikwijls te bezoeken, want hoe verlaten en vervallen het kapelletje ook wezen mocht, om de groote vermaardheid , welke het had verkregen door de verschijning der Engelen en door de hemelsclie gezangen, die men er veel-

ocr page 23

15

vulilig hoorde, gingen de bewoners dier landstreek voort daar de Moeder des Hee-ren te vereereu. Door de voorspraak van de Allerheiligste Maagd Maria verkreeg Pica het geluk na eene 7-jarige echtver-eeniging moeder te worden van dat kind, dat tot zulke groote zaken bestemd was.

Volgens eene standvastige overlevering verscheen er op het oogenblik, dat men Franeiscus ten doop hield , een vreemdeling met een ernstig en eerbiedwaardig voorkomen. Hij hield het kind in zijne armen zoolang de plechtigheid duurde, terwijl zijne oogen met een hemelsch welbehagen op hetzelve gevestigd bleven; hierop verdween hij , den indruk zijner knieën voor het altaar in het marmer achterlatende. Na terugkeer van den doop verscheen een andere onbekende , als een gunst vragende het knaapje te mogen zien. Overgelukkig dat zijne bede werd ingewilligd , nam hij, als een andere Simeon, het in zijne armen om het te liefkozen, en maakte op zijn rechterschouder het teeken van het heilig kruis. Het daarna teruggevende, sprak hij; „Waak met zorg „over dit kind, want het zal groot zijn „voor den Heer. De vorst der duisternis

ocr page 24

16

„heeft een voorgevoel van zijne hooge „bestemming , en zal niets sparen om het „van het leven te berooven. Wees dus op „uwe hoede , opdat het niet als slachtoffer „zijner aanslagen vallequot;. Ook deze vreem-deiing verdween eensklaps, zonder dat men hem in de stad kon terugvinden.

Andere schrijvers verhalen, dat de Engelen op denzelfden dag in de kapel van Portiunculu hunne hemelsche gezangen deden hooren, om , even als bij de geboorte van den Zaligmaker, God te verheerlijken en vrede te beloven aan de menschen, die van goeden wil zijn.

Ik heb deze gebeurtenissen hier eenigs-zins breedvoerig willen aanstippen, daar zij als eene aankondiging waren der verhevene bestemming van Franciscus.

De overlevering voegt er uog bij , dat de gelukkige moeder in het vervolg hare bezoeken aan Onze Lieve Vrouw der Engelen verdubbelde , om der Allerheiligste Maagd dank te betuigen voor de gunsten, welke zij door hare bemiddeling verkregen had. Zij droeg zorg om zich bij die gelegenheden door den jeugdigen Franciscus te doen vergezellen, om op die wijze eene vurige liefde voor God en de Koningin

ocr page 25

17

der Engelen in zijn hart te prenten. Men mag dus in zekoreu zin zoggen, dat Fran-ciscus in de kapel van Portiunctila Jesus en Maria leerde beminnen, dat op die plaats iu zijn hart de eerste kiemen gelegd werden dier deugden, welke van dit kind een held der armoede, een voorbeeld van volmaaktheid, een Serafijn v:in liefde zouden maken.

De eerste jaren van Fraueiscus, even als die van het goddelijk kind .lesus te Nazareth, verliepen rustig en verborgen bij zijne ouders. Terwijl zijne moeder zijn hart vormde, word hij door geestelijken zijner vaderstad ouderwezen iu do sehoone letteren en verdere wetenschappon, welke men gewoon was de jongelingen van zijn stand te doen aanleoren. Weldra maakte Bernardone zijn zoon deelgenoot iu zjjn handel , waarbij do jongeling deuzelf'den ijver en aanleg toonde , welke hem reeds bij zijn eerste onderwijs onderscheidde. Met andere gevoelens echter dan zijn vader i bezield , toonde hij al aanstonds, dat hij den rijkdom op een geheel andore wijze beschouwde. Edelmoedig tot verkwisting toe, vond hij er moer genoegen iu om het goud te besteden dan om het te verzamelen.

2

ocr page 26

18

Vol levenslust oil van eeue vroolijkc inborst, hield hij van sohitterende feesten, schooiu1 kleederen en fijne maaltijden. Al den tijd, welken de handel hem overliet, besteedde hij aan de vermaken der wereld , en aan zijne talrijke vrienden, doch, ofschoon hij een vroolijk leven leidde, onderscheidde hij zich steeds door zijne edele gevoelens en de zuiverheid zijner zeden. God riep hem tot een volmaakteren levenswandel, dan eens door hem zijne toekomstige grootheid voor te stellen, dan weder door vernederingen en ziekten.

Eindelijk door de genade overwonnen, verzaakte Franciscus aan de ij delheden der wereld, en begon, ondanks de tegenkantingen van zijn vader en de bespottingen zijner vorige vrienden, het leven van een kluizenaar te leiden.

Kort na zijne verandering van levenswijze ging hij eene kerk binnen, aan den H. Damianus toegewijd, welke zoo oud en vervallen was, dat zij dreigde in te storten. Daar bad hij met vurigheid , en de oogen vol tranen beschouwde hij mot eene groote liefde het beeld van den ge-kruisten Zaligmaker. Eensklaps ging er eene stem van dat kruisbeeld uit, en deoil

hem wooi

stel ootm riep te h lotte stelt Daai andc eene A po reed Vro /

en ( nino heil hoe( steil en j lang de ! met oerc van ]S tijm

ocr page 27

19

hem tot driemaal toe deze geheimziuuigo woorden liooren: „Frauciscus , ga eu lier-stel miju huis, dat gij vervallen zietquot;. Te ootmoedig om te gelooven , dat God hom riep om het geestelijk verval zijner Kerk te herstellen, nam hij deze woorden in den letterlijken zin op, en begon met de herstelling der oude kerk van den H. Damianus. Daarna vormde hij hot besluit nog twee andere heiligdommen te herstellen; het eeue was eene kerk toegewijd aan den Apostel Petrus, en liet andere was het reeds vermelde kapellotje van Onze Lieve Vrouw der Engelen.

Zijne liefde tot de Allerheiligste Maagd en de herinnering der hemelscho verschijningen spoorden Franciscus aan om dat heiligdom voor volslagen verval te behoeden , en in zijn vorigen luister te lier-stellen. Hij werkte er eigenhandig aan, en gesteund door de aalmoezen, welke hij langs alle kanten had ingezameld, herkreeg do kapel van Portiunrula in het jaar 1308 mot vollen luister haren honderdjarigen eeredienst en diende weder tot woonplaats van den Heilige der Heiligen.

Na deze herstelling gaven do Bonedio-tijnen van den berg Subasio do zorsr der

ocr page 28

20

bcdicnmg' er van aau oen godvruchtigen en deugdzanien priester van Assisië, Moz-zangoli geuaanul, die er van tijd tot tijd do heilige Mis kwam opdragen.

Van dit oogonblik af vestigde Frauciscus zijn verblijf bij deze kapel, en maakte voor zich eene kleine woning in de overblijtseleu van liet oude klooster der Benedictijnen. Daar hij dit heiligdom niet voorliefde beminde , verkoos hij het tot zijne gewone bidplaats. Hij bracht er zijne dagen en nachten door in het gebed, neêrgeknield voor hot altaar, het lijden van den god-delijken Zaligmaker overwegende, bij de beschouwing der hevige smarten overvloedige tranen stortende. Sedert het kruisbeeld tot Frauciscus had gesproken , zoo als de zoogenaamde „Drie medegezellen, geliefde zonen en vertrouwelingen van den Heilige, verhalen, was zijn hart ten zeerste getroffen en door vurig medelijden bewogen bij de herinnering der pijnen , welke Christus voor ons verduurd heeft. Daarenboven kastijdde hij zijn vleesch door zulke strenge verstervingen en andere werken van boetvaardigheid, dat hij zoowel in ziekte als gezondheid, zicli niet de uiterste gestrengheid behandelde.

1

ocr page 29

I

21

ig'cn I Aldus bereidde zich Franciscus in zijn

loz- j dierbaar PortikiicuIii, door zijne gebeden,

tijd : tranen en de grootste vrjjwillige ontberin-

quot;i gen voor, om op eene waardige wijze aan

sous : zijne verhevene roeping te kunnen beant-

roor - woorden, of om beter te kunnen kennen

jleu door welke werken hij voortaan zijn God

len. 1 en Koning moest dienen. Het antwoord

be- 1 van God liet zich niet lang wachten,

one Op zekeren dag woonde hij in zijne gelief-

en koosde bidplaats do H. Mis bij en luisterde

iold niet aandacht naar de woorden van het

od- II. Evangelie : Bezit noeh goud, noch zilcer,

de ; noch geld in uwe gordels; noch reiskorf,

loe- J noch twee onderkleederen , noch voetzolen ,

lis- ■: noch wandelstok. (*)

zoo Kjj het hooren van deze gewichtige ver-

n,quot; maning werd Franciscus als in eens van

len den hemel buitengewoon verlicht. Zijne

•ste i roeping, tot dan toe slechts van verre

vo- bespeurd, werd hem in eene geheel hemel-

Ike sche helderheid getoond ; de armoede, de

bj!- heilige, evangelische armoede verscheen

Ike lie,n als zijne uitverkorene bruid en de

:en vruchtbare gezellin van zijn apostelschap,

in Hij had echter aanstonds wantrouwen in

ste ; -

(*) Matth. X. 10.

$

ocr page 30

22

zijne persoonlijke gevoelens, en wilde niets ] als e ondernemen zonder eerst den dienaar des 1 der a Heeren te raadplegen. Na de H. Mis j groot verzocht hij den priester hem de letterlijke i predi

en ware beteekenis dezer woorden te willen beeld

uitleggen ; en nauwelijks had hij de ge- Wel(

vraagde opheldering verkregen, of in een hem

vervoering van vreugde en liefde riep hij van

uit: „Ziedaar nu wat ik wil, ziedaar nu de I

wat ik zoek , wat ik met blijdschap wil /oov

volbrengen.quot; üp hetzelfde oogenblik legde T;

hij zijne beurs en stok neder; hij ontdeed leer

zich van zijne schoenen en lederen gordel, blik

nam een grof, grjjs kleed, sloeg eene en 1

ruwe koord om zijne lenden , en bracht en i

alzoo onmiddellijk in oefening hetgeen hij zijn

gehoord had. Gelukkig arm, geheel arm dat

te zijn, dacht hij aan niets anders meer uaa

dan om het Evangelie aan de wereld te moi

verkondigen en zielen voor Jesus Christus ger

te winnen. Hij bracht de nachten in do He

kapel van Portiuncula in het gebed door, vai

en des daags begaf hij zich naar zijne rin

vaderstad Assisië , doorkruiste de straten de

om boetvaardigheid en vrede te prediken. des

Hij sprak zeer eenvoudig, zegt Thomas Al

van Celano, doch zijne woorden waren ne

zoodanig door Gods geest bezield, dat zij de

ocr page 31

23

iets j als een brandend vuur tot in de harten

des j der aanhoorders drongen, en allen met de

Mis | grootste verwondering vervulden. Zulke

jjke 'prediking, gepaard aan de treffendste voor-

len beelden, kon niet lang onvruchtbaar blijven,

ge- Weldra sloten zich eenige leerlingen bij

een hem aan, en zoo werd de grondslag gelegd

'lij van de Orde der Minderbroeders, die aan

nu de Kerk zoovele Heiligen , aan de wereld

wil zoovele apostolische mannen schenken zou.

'de Toen Franciscus zag dat het getal zijner

'ed leerlingen toenam , achtte hij het oogen-

lel, blik gekomen om hun een vasten regel

'ne en bepaalde levenswijze voor te schrijven,

iht en aan den Heiligen Stoel de goedkeuring

hij zijner opkomende Orde te verzoeken. Tot

'ni dat einde ging hij met zijne volgelingen

er uaar Rome, en had weldra het geluk alle

te moeielijkheden en hinderpalen uit den weg

us geruimd te zien ; uit den mond van Zijne

tie Heiligheid zelf mocht hij de bevrediging

ir, van zijn vurigsten wensch en de verzeke-

le ring van diens bijzondere bescherming voor

in de Orde vernemen. Vol vreugde over

n. dezen gunstigen uitslag , gingen zij den

is Allerhoogste hunne dankbaarheid betoo-

iii nen op het graf dor Apostelen, om daarna

ij de terugreis naar Assisië te ondernemen.

ocr page 32

24

Zij verbleven eenigen tijd in de eenzaamheid van Rivo - Tovto , welke plaats zij reeds spoedig verlieten om naar Onze Lieve Vrouw der Engelen terug te keeren. Het was op hoogere ingeving, zegt de H. Bonaventura , dat Franciscus , de herder van deze kleine kudde , zijne twaalf leerlingen naar het verblijf van Portiuncula voerde, opdat in dit gezegend oord, waaide Orde der Minderbroeders onder de zegeningen van de Moeder des Heeren haren oorsprong had genomen, ook onder de bescherming dezer Goddelijke Moeder hare uitbreiding zou verkrijgen.

De roem hunner heiligheid, welke zich in de omstreken verspreidde, bracht spoe- f j dig nieuwe leerlingen aan de voeten van Franciscus, en deze verzochten hem als oene gunst hen onder het getal zijner volgelingen op te nemen. Tot nu toe had 3 de Heilige nog volstrekt niet het minste recht op het verblijf van Portiuncula, dat nog altijd het eigendom der kloosterlingen van den berg Subasio was. Hij verlangde echter eene vaste woonplaats voor zijne steeds aangroeiende familie, met eene kapel voor de goddelijke diensten. Hij begaf zich dan naar den Bisschop van Assisië ,

ocr page 33

25

wien hij verzocht eeno kapsl aan den dienst zijnor ontluikende Orde te verbinden, alsmede hot gebruik van een arm huis. Daar de Bisschop aan hot verlangen van den Heilige niet kon voldoen, wendde deze zich tot de Benedictijnen van den berg Subasio, en deed hetzelfde verzoek aan den Abt van dat klooster. Dit werd dooiden Abt aanstonds ingewilligd , die hem geheel Portiuncula schonk, namelijk de kapel van do Koningin der Engelen , de oude gebouwen welke nog in stand waren, alsmede het kleine omliggende terrein. Nochtans stelde de edelmoedige Zoon van den H. Benedictus eene voorwaarde aan zijne milddadigheid : „mijn goede broederquot;, zoo sprak hij, „wij geven u gaarne wat „gij vraagt, maar wij willen dat Portiun-„cula altijd de hoofd- en Moederkerk uwer „Orde zijquot;, liet geluk van Franciscus had het toppunt bereikt; nooit kon hem eene meer aangename gift geschonken worden, en zonder ee'nige moeite deed hij de belofte , dat zijn dierbaar Portiuncula altijd de hoofd- en Moederkerk zijner Orde wezen zou, daar zij inderdaad er reeds de bakermat van was.

De arme Franciscus, die niets in eigen-

ocr page 34

26

dom wilde bezitten, verbond zich uit eigen beweging om ieder jaar aan de monniken yan den berg Subasio een mandje visch te zenden, welke in de naburige rivier gevangen was, meer nog om zich daardoor hun schatplichtige en schuldenaar te toonen, dan wel om hun zijne diepe erkentelijkheid te kennen te geven. Na den Allerhoogste zijne innige dankbetuiging gebracht te hebben, haastte hij zich naar Portiuncula terug om aan zijne leerlingen bekend te maken, welke heerlijke aalmoes men aan hunne „Geliefde Armoedequot; geschonken had. Daarop begaf hij zich naaiden priester Mozzaugoli van Assisië , die de kapel van Portiuncula tot alsdan bediende. Hij stelde hem in kennis met het geschenk, dat hij aan de goedheid der Benedictijnen verschuldigd was, en bracht hem dank voor de zorgen en den dienst aan de kapel besteed. Nauwelijks had de godvruchtige priester deze tijding vernomen, of hij omhelsde den dienaar Gods; hij gaf Franciscus de verzekering , dat het zijn grootste geluk was do Allerheiligste Maagd Maria op die plaats vereerd te zien door getrouwe dienaars , die zonder ophouden haren lof met dien van

ocr page 35

27

;'en I haren goddelijken Zoon zouden zingen , :en I en beval op zijne beurt dit heiligdom in ich | de zorgen van Franeiscus en zijne metge-ier I zeilen aan. Overgelukkig door al het ir- | gebeurde, dat zoo volkomen met zijne te | innigste wenschen overeenstemde , keerde n- de Heilige naar Onze Lieve Vrouw der 3n | Engelen terug, om den nacht in de kapel e- j zelf door te brengen. God wilde hem ar daar getuigen doen zijn van nog meer won-m 'i derbare zaken dan er reeds hadden plaats es gehad. Omtrent middernacht, terwijl hij B- ' in het gebed verslonden was, werd de ir kapel in eens door een schitterend licht be-;e straald. Boven het Altaar verschenen Jesus en Maria, omringd door eene menigte he-!t melsche geesten ; do Goddelijke Zaligmaker d en zijne Moeder beschouwden hun dienaar ii met welgevallen ; deze vriendelijke blik ti deed den moed van Franciscus herleven , s en na den Heere Jesus aanbeden en zijne f Moeder Maria gegroet te hebben , sprak r hij tot hen deze woorden :

1 „Allerheiligste Heer, Koning der he-„melen en Verlosser der wereld, en gij, „Koningin der henielsche koren, van waar „komt het toch, dat gij zulk een wclwil-„lendheid en genegenheid hebt voor doze

I

ocr page 36

28

„plaats , zoodat gij U ge waar (ligt uit liet „hoogste der hemelen op dit Altaar neder „te dalen ?quot;

Jesus gaf' hem ten antwoord ;

„Lk bon gekomen om tussehen deze „plaats en mijne Moeder een verbond te „sluiten.quot;

Xa nog eenige andere openbaringen verdween do verschijning.

Franciseus bleef nog lang als in geestverrukking , en dos morgens zeide hij in eene vervoering van blijdschap tot zijne broeders: „Dit is in waarheid eene heilige plaats , die veeleer door Engelen dan door menschen moest bewoond worden. Zoolang ik hier kan blij ven, zal ik er niet van heen gaan , zij zal voor mij eu de mijnen een eeuwigdurend gedenkteeken van Gods goedheid zijn.quot;

Thomas van Celano voltooit dit wonderbaar verhaal door de volgende woorden; „ De zalige Vader verzekerde , door goddelijke openbaring te weten , dat de allerheiligste Maagd Maria dit heiligdom met eene voorliefde beminde hoven al de kerken ter harer eer in geheel de wereld opgericht,quot; en hij voegt er bij „dit is vooral de reden, waarom de H. Franciseus Portiunciila

ocr page 37

29

meer dan allo andere plaatsen der wereld lief had.quot;

Hoe duidelijk toch ziet men in deze verseliillende gebeurtenissen de hand der goddelijke Voorzienigheid, liet is in do kerk van O. L. Yr. dor Engelen, dio toen verlaten was en dreigde in te storten, dat do moeder van Franciscus de geboorte van haren zoon afgebeden en bekomen heeft. In diezelfde kapel, door de handen van Franciscus hersteld , heeft Jesus Christus hom door een woord van hot Evangelie zijno goddelijke roeping geopenbaard. Het is daar, dat Franciscus zijne geestelijke familie vestigde, die onder do bescherming dor allerheiligste Maagd Maria en onder den zogen van haren goddelijken Zoon met oone wonderbare vruchtbaarheid zou toc-nemen. Hot is uit dat heiligdom, dat legioenen van apostelen en stroomen van zegeningen moesten voortkomen om zich over de aarde te verspreiden. Al die wonderbare zaken werden door 'God in een visioen aan Franciscus geopenbaard, on in de vervoering zijner vreugde mocht de Heilige uitroepen, dat deze plaats veeleer door Engelen dan door inenschon moest bewoond worden.

ocr page 38

30

T

In die bevoorrechte en geliefkoosde plaats zou Franciscus het grootste gedeelte van dat leven doorbrengen , dat zulke verhevene gelijkvormigheid met onzen Godde-lijken Zaligmaker Jesus Christus verkrijgen zou. Daar zou hij dat leven leiden , dat zoo welsprekend en verpletterend tevens den geest van den tegenwoordigen tijd veroordeelt, en ons, trage christenen, over onze lauwheid en koelheid doet blozen. Dat leven immers, zooals een vurige bewonderaar van den II. Franciscus zich uitdrukt, spreekt van armoede tot eene stoffelijke eeuw, die op rijkdom verzot is. Dat leven spreekt tot eene hoovaardige eeuw, waarin afgunst en eergierigheid alle standen verwarren en alle harten vergiftigen. Dat leven spreekt tot eene verkoelde eeuw, die de liefde Gods noch de liefde der nienschen meer kent. Dat leven spreekt tot eene twijfelzuchtige eeuw, die aan het bovennatuurlijke niet meer gelooft, en het recht meent te hebben do wonderen van het Evangelie te verwerpen. Dat wonderbare leven vertoont ons alle die verhevene christelijke deugden, welke ons ontbreken, wier afwezigheid ons den dood aanbrengt, en wier terugkeer alleen ons

ocr page 39

31

redden kan, in oenen hoogen graad en op een onvergelijkelijk tooneel in werking.

De eenvoudigheid van den goeden Heilige zal menigeen wellicht doen glimlachen; doch zijne liefde voor de natuur en voor alle schepselen Gods zouden ons moeten innemen; zijne ootmoedigheid, zijne liefde voor de heilige armoede die hij zijne vrouw en echtgenoote noemde zouden ons met verbazing en verwondering moeten vervullen; zijn medelijden met de zondaars, zijne overgroote liefde voor alle mensehen zouden ons moeten verteederen; zijne vervoeringen in de liefde Gods, zijne tranen, zijne onbeschrijfelijke jammerklachten over liet lijden des Zaligmakers, de indrukking der vijf wouden van den gekruisigden Jesus zouden ons van de wereld moeten aftrekken en ons goedwillig of met geweld naar den hemel voeren. Met recht mocht de H. Bonaventura schrijven : „De engelachtige mensch Franciscus was gewoon in de beoefening van het goede nimmer te rusten, en klom, gelijk de hemelsche geesten op de ladder van Jacob , nu tot God op , en daalde dan tot zijnen naaste neder. Hij had geleerd, don tijd, dien God den mensch verleend hoeft om liet

ocr page 40

32

eeuwige leven te verdienen, niet bescliei-ldat h denheid te verdoelen , zoodat hij er een ] rondg gedeelte van, en niet zonder eene moeite-volle winst, aan zijne broeders besteedde,

en het andere aan de vreedzame gemoedsbewegingen iler beschouwing wijdde. Ook wanneer hij , naar gelang der tijden en plaatsen , zich op de zaligheid der zielen toegelegd had, vluchtte hij het gewoel der wereld en zocht de stilte der eenzaamheid eu afgezonderde plaatsen, om zich met God vrijer bezig te houden , en het stof af te schudden , dat hem dooiden omgang met de meuschen mocht aankleven.0 Hij was ontstoken door eenen on-metelijkeu brand van liefde voor den goeden Jesus, gelijk aan lampen van vuur en vlammen — hevige liefde, machtiger dan de macht der groote waterenquot;. Onophoudelijk overwoog Frauciscus de smarten en pijnen, welke het liart van Jesus om ons en voor ons verduurd heelt i daaidooi ontvlamde meer en meer zijne feeratijusche ' liefde , en zijn verlangen om voor Jesus te lijden werd steeds heviger, zoodat hij op de innigste wijze met het Hart van zijnen goddelijken Zaligmaker vereenigd werd. Het is dan ook geenszins te verwonderen,

dood

het i

eene

kracl

schei

kind(

uit

dikw

brac1

den

held

het

hart

te v

eene

end

buii

ocr page 41

33

dat hij naar het voorbeeld Tan Jesus, rondging om in duizende en duizende ter dood toe gewonde harten den balsem van liet eeuwige leven te storten; om aan eene menigte slaven des duivels door de kracht van zijn woord en van zijnen hemel-schen wandel de ware vrijheid, die der kinderen Gods, te schenken. Het was uit liefde tot die afgedwaalden, dat hij dikwijls den nacht in het gebed doorbracht, om het behoud hunner zielen van den hemel af te smeeken, en in de vurigheid dier liefde gaat hij zoo ver, dat hij het waagt aan den liefdevollen eu barm-hartigen Jesus eene buitengewone gunst te vragen, welke hem ook verleend wordt, eene gunst, die reeds meer dan zes eeuwen onder de christenen bekend staat als de buitengewone vAfliiat van Portiunculaquot;.

iliui-ecii eite-ildc, eds-Ook i en elen voel 30] l-

om eu i loor -au-! on- 5 Jon ! en lan ou- (1 on |

rd. |

quot;

3

ocr page 42

34

II.

Oorsprong' en vcrspi-eiding van den aflaat van l'oiHiiiicnla.

ii de II. Schriften van liet Oude Verbond vinden wij vermeld, dat Abraham en Mozes, met nog zoo

,___ vele anderen, als vrienden van den

Allerhoogste , Hem dikwijls smeekten om behoud voor het zondarige volk. Ook onder de wet van Christus zien wij een vriend, een dienaar des Heeren, een volmaakten navolger van Gods eenigen Zoon, zijne dagen en zelfs zijne nachten besteden om van Jesus barmhartigheid voor de arme zondaars af te bidden. Franciscus, brandende van liefde voor het heil dei-zielen, vraagt voor de afgedwaalden genade, kracht en sterkte om tot inkeer te mogen komen, met dezelfde vurigheid, alsof hij die voor zich alleen vroeg.

ocr page 43

36

Een zoo onbaatzuchtig, zoo edelmoedig 3 gebed, gestort doov een van liefde blakenden | Serafijn, moest noodzakelijk bij den Heer • alvermogend zijn, don meesten invloed op liet Hart van Jesus liebbeu.

Zekeren zomernaclit van liet jaar 1216 lag Franciscus in zijne armoedige cel ; ueêrgeknield. God met buitengewone vurig-; heid biddende. In dat gebed word hem geopenbaard, dat Onze Heer Jesus Christus en de Allerheiligste Maagd Maria, zijne Moeder, door eenemeuigteEngelen omringd, zich in het heiligdom van Portiuncula bevonden. Aanstonds staat de Heilige op, snelt vol vreugde naar de kapel , Welke hij met een schittterend licht vervuld vindt, en aanschouwt het eerbiedwaardig gezelschap, zooals hem was aangekondigd. Op liet zien dier hemelsche verschijning geheel ontroerd , van eene eerbiedige vrees doordrongen, wierp hij zich met het aangezicht plat ter aarde neder.

De Heer echter sprak hem toe : „Fran-„ciscus, vraag hetgeen gij wilt voor de „zaligheid der menschen, daar gij als een „helderlichtende fakkel aan de wereld, en „der strijdende kerk tot steun geschonken nzijt. Eerst bleef hij in geestverrukking

j.

ocr page 44

36

T

nederliggen, maar door de woorden van Jesns bemoedigd, waagde liij het deze bede tot Hem te richten: „Allerheiligste Vader en Opperheer, ofschoon ik slecHts een arme en ellendige zondaar ben, sméek ik U, aan het menschdom de volgende gunst toe te staan: wil aan eenieder, die naar deze plaats komt en deze kerk bezoekt, vergiftenis en volledige kwijtschelding van al zijne zonden verleenen, welke hij den priester rouwmoedig gebiecht, en waarvoor hij de door hom opgelegde boete aanvaard zal hebben, ik smeek de Allerheiligste Maagd, uwe Moeder, en do Voorspreekster van het menschelijk geslacht, mijne bede te ondersteunen en voor mij bij Uwe toegenegene Majesteit ten beste te sprekenquot;. En de Koningin des hemels , het verzoek van Franciscus aanstonds inwilligende, sprak tot haren Goddelijkcn Zoon: r Allerhoogste en Almachtige God, ik smeek üwe Godheid en vraag ootmoedig, dat Uwe i' Majesteit zich gewaardige het verzoek van Broeder Franciscus, Uw dienaar, te ver-hooren''. Onverwijld gaf de Goddelijke Majesteit ten antwoord; „Hetgeen gij „vraagt, Franciscus , is eene groote zaak, „doch gij zijt nog grootere gunsten waardig.

ocr page 45

\. 37_

„Ik wil uwe ootmoedige bede inwilligeu; „doch gij moet naar Mijn Stedehouder gaan, „den Opperherder Honorius III, die te „Perugia verblijft, en van mijnentwege „den bedoelden aflaat vragen.quot;

Den volgenden morgen stond Franciscus reeds bij het krieken van den dag op, riep broeder Masseus van Marignan, om zich met hem naar den Paus te begeven. „Heilige Vaderquot;, sprak hij met zijne gewone eenvoudigheid, „eenigen tijd geleden heb ik eene kerk, toegewijd aan do Maagdelijke Moeder des Heeren, hersteld. Ik verzoek Uwe Heiligheid aan die kerk een aflaat te verleenen, te verdienen op don verjaardag harer wijding, zonder verplichting eene geldofferande te storten.quot; Do Opperpriester, over dusdanige vraag ton zeerste verwonderd , maakte aan Franciscus zijne bezwaren bekend, vooral daar het hem weinig billijk scheen, zulke groote gunsten te verleenen, zonder deze door een liefdewerk te moeten verdienen. „Eu hoeveel jaren aflaat wilt gij er aan verbonden hebben ?quot; sprak hij verder; „is het een jaar, of wilt gij drie, zes of zeven jaren ?quot; Ach , Heilige Vader, hernam Franciscus, dat het Uwe Heiligheid

ocr page 46

38

behage, mij geen jaren, maar zielen te schenken ? „En op welke wijze dan wilt gij zielen ?quot; vraagde nogmaals de Paus. Ter oorzake der gunsten , zoo ging Pran-ciscus voort, welke God aan d'e plaats verleend heeft, verlang ik, zoo Uwe Heiligheid het wil toestaan , dat al wie rouwmoedig , na gebiecht en de H. Absolutie ontvangen te hebben, die kerk zal bezoeken, in den hemel en op de aarde ontslagen zij van geheel de straf en schuld aller zonden, welke hij bedreven heeft van zijn doopsel af tot op den dag en het uur, dat hij genoemde kerk binnentreedt, zonder verplicht te zijn eenige andere voorwaarde te vervullen. „Maar Pranciscus,quot; riep nu de Paus uit, „gij vraagt toch zulk eene groote zaak, en de H. Stoel is niet gewoon zulken aflaat te verlesnen.quot; Heere, hernam nog eens de gelukzalige, hetgeen ik vraag , vraag ik niet uit mijzelven, maar uit naam van Onzen Heer Jesus Christus, die mij tot U gezonden heeft. De Paus, de heiligheid van den dienaar Gods kennende, en deze verzekering uit zijnen mond hoorende, antwoordde hierop tot driemaal toe: „Het behaagt ons dus ook, dat deze allaat U toegestaan zij.quot;

ocr page 47

30

De aanwezige Kardinalen, vreezende dat deze buitengewone gunst, zoo geheel en al onbepaald verleend, den aflaat van het Heilig Land en der HH. Apostelen Petrus en Paulus in de oogen der Christenheid zou doen verminderen, maakten Z. H. hierop opmerkzaam. Doch Honorius gaf ten antwoord : „Het is niet mogelijk de reeds toegestane vergunning terug te nemen, wij kunnen ze slechts tot den loop van één enkelen dag bepalenquot;. Zich daarna tot Franciscus wendende, bekrachtigde hij zijn reeds gegeven woord , zeggende :

„Van nu af verleenen wij aan eenieder, die, na eene goede biecht, rouwmoedig de genoemde kerk bezoekt, volledige kwijtschelding van alle straf en schuld dei-zonden ; en wij willen, dat deze aflaat ten eeuwigen dage geldig zij, doch slechts voor één dag van het jaar, van de eerste Vespers tot den avond van den volgenden dag , den nacht er in begrepenquot;.

Vol vreugde over de verkregen gunst, bracht Franciscus den 1'aus zijn innigen dank , en maakte zich gereed het paleis te verlaten. Honorius, dit ziende, riep hem toe : „O goede en eenvoudige man , waarheen gaat gij ? Welk bewijs toch der

ocr page 48

40

verleeuiug van dezen aflaat hebt gij ?quot; Heilige Vader, antwoordde Franciscus, uw gegeven woord is mij voldoende ; is deze aflaat het werk van God, dan zal Hij ook zorg dragen hem bekend te doen worden; ik wil geen ander bewijsstuk dan de Allerheiligste Maagd als oorkonde, Jesus Christus als opsteller der akte , en de Engelen als getuigen.

Op zijne terugreis van Perugia naar Assisië, vertoefde hij een weinig in een gasthuis der melaatschen om er eenige rust te nemen. Bij zijn ontwaken hoorde hij eene stem, die hem toesprak : „Weet, Franciscus, dat de aflaat, dien gij op aarde bekomen hebt, bevestigd is in den Hemelquot;. Na zijn gebed geëindigd te hebben , riep hij zijn gezel en zeide hem : Broeder Masseus , ik verzeker u van Godswege , dat de aflaat, welke de Paus mij verleend heeft, in den Hemel bekrachtigd is.

Hiermede echter was voor dezen aflaat, aan de kapel van Onze Lieve Vrouw der Engelen of Portiuncula verleend, nog geen bepaalde dag vastgesteld , waarop de ge-loovigen aan die gunst deelachtig konden worden. De H. Franciscus, al zijn betrouwen op den Heer stellende, wachtte

ocr page 49

41

daaromtrent eene nadere inlichting- van Jesus af, welke ook werkelijk plaatshad. En is nu deze aflaat wonderbaar in zijnen oorsprong , niet minder verwonderlijk zijn de omstandigheden, waarin Jesus zelf don dag bepaalde.

In den loop der maand Januari van het jaar 1217 bad Franciscus gedurende een dier lange winternachten in zijne cel; gelegen in den tuin bij het klooster van Onze Lieve Vrouw der Engelen. Omtrent middernacht werd hij door Satan bezocht, welke sluwe bekoorder hom inblies zijnen ijver in de boetvaardigheid te matigen. Franciscus , zoo sprak hij hem aan, waarom wilt gij vóór den tijd sterven!' Weot gij dan niet, dat de slaap volstrekt noodzakelijk is voor het lichaam ? Waarom dan aldus gehandeld ? Gij zijt immers nog op jeugdigen leeftijd en zult tijd genoeg hebben om uwe zonden uit te boeten ; gij zult u door uw aanhoudend waken den dood berokkenen. In plaats van het oor te leenen aan deze inblazingen, verliet Franciscus aanstonds zijne cel , ging in het bosch en wierp zich ontkleed tusschen de braam- en doornstrLiiken, wentelde zich daarin rond , zoodat geheel zijn lichaam

ocr page 50

42

verscheurd en bebloed werd, torzelfdertijd uitroepende: „Het is beter met Jesus Christus smart en lijden te verduren dan gehoor te geven aan de inblazingen van een verleidenden vijandquot;. Nu werd hij door een schitterend licht omringd en bespeurde rondom zich, ondanks den strengen winter, eene menigte witte en roode rozen van eene wonderbare schoonheid; door een wonder waren deze doornen in rozenstruiken veranderd , welke altijd groen en zonder doornen gebleven en waarvan sommige bladeren , nog op den huidigen dag, met roodachtige vlekken, aan bloedvlekken gelijk , geteekend zijn.

Terzelfder tijd verscheen er bij de kerk eene menigte Engelen, die tot hem zeiden : Haast u tot Jesus Christus en zijne Heilige Moeder te gaan , die u in de kerk wachten. Zich eensklaps in een wit kleed gehuld ziende , stond Franciscus op , nam twaalf witte en twaalf roode rozen, en begaf zich naar het heiligdom, terwijl de weg daarheen hem prachtig versierd toescheen.

Met diepen eerbied trad hij het bedehuis binnen cn legde de rozen op het altaar neder. Alsdan Onzen Heer Jesus Christus en zijne Moeder, omringd door

ocr page 51

J

43

cene groote menigte Engeleu, ziende , hoorde hij den Vorlosser hem aldus toespreken : „F ran ei se lis , waarom geeft gij aan mijne Moeder de geschenken niet, welke gij haar moet aanbieden ?quot; Begrijpende dat dit de zielen waren , tot wier heil de aflaat vau deze kerk zou strekken, antwoordde de Gelukzalige :

„Allerheiligste Vader en Heer van hemel en aarde, gewaardig U in uwe groote barmhartigheid den dag te bepalen, waarop ik haar deze geschenken kan aanbieden ; dat de Allerheiligste Maagd, uwe Moeder en de Voorspreekster van het menschdom, mijne bede ondersteuue.quot; Nu verklaarde de goddelijke Majesteit, dat al wie vau de Vespers van den Isten Augustus tot aan den avond van den volgenden dag, met een rouwmoedig hart, na zijne zonden, welke hij iudachtig is, gebiecht te hebben, deze kapel zou bezoeken, volledige kwijtschelding zou bekomen van alle zonden, bedreven van den dag zijns doopsels tot op den dag en het uur van gemeld kerkbezoek.

Franciscus vraagde nu verder, op welke wijze men dit kenbaar maken ea of men wel geloof aan zijne woorden hechten zou. De Heer antwoordde, dat dit door zijne

ocr page 52

44

genade zon geschieden, on gaf hem het, bevel zich naar zijn Stedehouder te begeven met het verzoek dezen aflaat volgens goedvinden te doen afkondigen.

Maar hoe zal nw plaatsbekleeder mij gelooven, hernam Franciscus nog eens , en zal hij mij, die een zondaar ben , geloof schenken ? De Heer sprak hem moed in, en zeide hem, tot toeken der waarheid en zijner zending , den Paus eenige dier witte en roode rozen aan te bieden, welke hij in het bosch geplukt had, alsmede zich door eenigen zijner medebroeders te doen vergezellen , die getuigenis zouden geven van hetgeen zij gehoord en gezien hadden.

Geheel dit hemelsch onderhoud van den Zaligmaker met Franciscus was gehoord door Petrus van Catana, Rufinus Scifi , Bornardus van Qnintavalle en Masseus van Marignan , benevens door andere medebroeders , wier cellen zich ook in den tuin bij do kerk bevonden. In de tegenwoordigheid der goddelijke Majesteit en van 's Hoeren Moeder nam hij drie roode en drie witte rozen tor eere van do Allerheiligste en Onvordeelbaro Drievuldigheid, waarop de Engelen den lofzang Te Deum laudamus begonnen to zingen.

ocr page 53

T

'j üou volgenden morgen gaf Franciscus | nan drie zijner gezellen het bevel zich ' gereed te honden om met hem naar Rome af te reizen , luui terzelfder tijd het stilzwijgen opliggende omtrent alles wat zij gehoord hadden. In de eeuwige stad aangekomen , begaven zij zich naar de kerk van Lateranen, waar zij den plaatsbe-kleeder van Jesus Christus aantroffen. Do ootmoedige dienaar des Heeren gaf liem oen omstandig verhaal vau de laatste verschijning, dat door zijne drie medebroeders werd bevestigd, en tot bewijs toonde hij hem de zes rozen, drie roode en drie witte. Vol verwondering riep Z. H. uit: Uw verhaal is werkelijk wonderbaar en toont veeleer hot werk van God dan dat der menschen. Ofschoon hij geenszins aan de waarheid dezer gebeurtenis twijfelde, wilde hij toch eerst de Kardinalen raadplegen alvorens een besluit te nemen. Den volgenden morgen verzocht Franciscus met gepaste vrijheid nogmaals om in de bewuste zaak den wil van den Koning des hemels en van zijne Moeder , aan wie do kerk van Portiunciila is toogewijd, te vervullen; nogmaals herhaalde hij in de tegenwoordigheid der Kardinalen, wat Jesu?,

ocr page 54

46

op de voorspraak vau Maria, hem had toegestaan , en verzocht met aandrang do bekrachtiging van Z. H., zooals hem dit door den Zaligmaker was voorgeschreven.

Franciscus, zoo luidde het antwoord van den Paus , gij vraagt toch zulk eene groote zaak ; maar dewijl de koning des hemels, Onze Heer Jesus Christus op de bede van de Allerheiligste Maria, altijd Maagd, uw verzoek verhoord heeft, zullen wij aan de Bisschoppen vau Assisië, Perugia, Todi, Foligno, Spoleto, Nocera en Eugubio schrijven, dat zij op den eersten dag der maand Augustus in de kerk van Onze Lieve Vrouw der Engelen moeten samenkomen om den aflaat, dien gij verlangt , voor het aldaar vergaderde volk af te kondigen.

Na de pauselijke brieven ontvangen te hebben , ging hij met zijne gezellen naar voornoemde Bisschoppen om hun dit schrijven ter hand te stellen. Hij kwam met hen overeen , dat zij allen op den eersten Augustus in gezegde kerk van Portiuncula zouden komen. Er was een spreekgestoelte van hout opgericht, dat door de Bisschoppen en Franciscus beklommen werd, om van daar het woord tot het volk te richten.

ocr page 55

7

47

Zij verlangden eenparig, dat Frauciscus het eerste zou spreken. „Ofschoon ik dit niet waardig benquot;, sprak de Heilige, „wil ik toch eonige woorden zeggen en voor dit volk prediken; ik zal den aHaat, door den Koning des hemels op verzoek zijner Moeder toegestaan , bekend maken, en gij zult volgens het voorschrift van zijn Piaatsbekleeder mij door uw gezag steunen en met mij den aHaat aankondigenquot;.

Hij begon nu met zulke zalving en kracht te preeken, dat men veeleer een Engel des Hemels dan een mensch der aarde meende te hooren. Aan het einde zijner preek kondigde hij den aflaat aan in de volgende woorden :

Al wie deze kerk van Onze Lieve Vrouw der Engelen bezoekt, te beginnen met de Vespers van den Isten Augustus tot aan den avond van den volgenden dag, zoowel des nachts als gedurende den dag, zal volledige kwijtschelding bekomen van al zijne zonden , bekende en onbekende , bedreven sedert den dag des Doopsels tot op gezegden dag, en welke men zal gebiecht en waarvoor men van den priester de opgelegde boete zal aanvaard hebben.

En hij voegde er bij, dat doze aflaat,

ocr page 56

43

elk jaar, ten eeuwigen dage, kan verdiend worden. Dit laatste echter werd dooide Bisschoppen afgekeurd, daar zij meenden , dat de Paus , volgens de gewoonte van den H. Stoel, dezen aflaat slechts voor 7 of 10 jaren had toegestaan. Doch Franciscus gaf hun ten antwoord , dat hij geheel volgens het hevel van den Koning des Hemels gehandeld had; wat u betreft, zoo sprak hij, dat Jesus Christus en Zijne Moeder u uw plicht doen kennen.

Toen stond de Bisschop vau Assisië op om te verklaren, dat de aflaat slechts voor 10 jaren was toegestaan ; maar door eene wonderbare beschikking van den Allerhoogste zeide hij niet wat hij meende te zoggen, doch herhaalde letterlijk hetzelfde wat Franciscus had aangekon-digd.

De zes andere Bisschoppen waren hierover geërgerd , daar zij stellig geloofden dat hij dit mot opzet gedaan had, uit voorliefde tot de Kerk van Onze Lieve Vrouw der Engelen, in zijn Bisdom gelegen , eu dat hij bijgevolg met hen van gevoelen verschilde. .Nu zou de Bisschop van Perugia het woord opnemen om de eerste verklaring te herroepen, en den

ocr page 57

49

artaat voor 10 jaren af te kondigen. Ook deze, op zjjne beurt, sprak tegen zijne bedoeling, maar overeenkomstig den wil van Christus ; hij prees de reeds gedane afkondiging, en zeide en bevestigde aangaande den aflaat, wat de twee eersten gezegd en bevestigd hadden, zonder dat het hem mogelijk was anders te sproken.

De Bisschoppen van Foligno, van Spo-leto en de drie anderen wilden allen beurtelings tot het volk spreken, vast besloten de vorigo verklaringen terug te roepen, maar verkondigden allen, even als Franciseus zelf, dat de atiaat verleend was „voor altijdquot;.

Hoe duidelijk toch ziet men in deze gebeurtenis den vinger Gods , de leiding der Voorzienigheid , die op zulk oenc wonderbare wijze zijn wil kenbaar maakt, zoodat men met volle overtuiging zeggen mag, dat do aflaat van Portiuncula in waarheid het werk des Allerhoogsten is; op eene zichtbare wijze wordt in zijno bevestiging en verspreiding de verzekering vervuld, welke Christus zelf hieromtrent aan Franciseus gaf, „dit is het werk mijner genadequot;.

Het is dus geenszins te bevreemden,

ocr page 58

50

dat de geloovigou aanstonds huune hoogachting en liefde voor dezen aflaat toonden, en zich als om strjjd beijverden aan diens rijke vruchten deelachtig te worden. Door Jesus zelf, op voorbede zijner Heilige Moeder geschonken, is hij als de belooninti: voor den brandenden zielenijver van een der schitterendston onder de lange rij der Heiligen Gods; hij is afgebeden door een' dienaar des Heeren , die , evenals Mozes , zijne handen ten Hemel verhief en genade afsmeekte voor een zondarig volk. Troostvol immers was voor Mozes het gevolg der smeeking, die hij, als aanvoerder van het Joodsche volk, tot den Heer richtte.

Terwijl hij in heilige afzondering met Goil op den berg Sinaï was, werd er aan den voet van dien berg eene misdaad gepleegd, zoo afschuwelijk en onnatuurlijk, dat men. lt; indien de heilige geschiedenis ons geen jj volle zekerheid gaf, aan de mogelijkheid van zulken gruwel zou twijfelen. Het Joodsche volk had zich een gouden kalf opgericht, en offers werden aan dien afgod gebracht, daarna werd maaltijd gehouden, en toen zij gegeten en gedronken hadden, stonden zij op om, naar de wijze der heidenen , door spel en dans hun feest te

ocr page 59

51

besluiten; en het gejoel der brooddronkenheid klom op langs den Sinaï. Juist was Mozes op het punt den heiligen berg te verlaten , Tol van verlangen om ziju volk-het kostbare geschenk des Hoeren, dat hij in zijne handen droeg, te brengen. Daar zegt hem God: Ga, klim af! uw volk , dat gij uit Egypteland geleid hebt, heeft gezondigd. Spoedig zijn zij afgeweken van den weg, dien gij hun getoond hebt, zij hebben zich een gegoten kalf gemaakt, eu dat hebben zij aanbeden en daaraan offers gebracht, zeggende: dit zijn, o Israël, uwe goden, die u uit Egypte gevoerd hebben.

Stom van schrik hoort Mozes deze verpletterende tijding, en zijne edele ziel zal zich nu in hare volle grootheid toonen. Had zijn gebed zijn volk reeds gered uit de handen van Amalek, nu wil God dat zijn gebed dat volk redde uit de handen van den Almachtige zelf.

,, 1 k ziequot; , zoo had de Heer gesproken , „dat dit volk onbuigzaam en hardnekkig is; „Iaat mij toe, dat mijne gramschap tegen „hen ontsteke en dat ik hen verdelge; en ,ik zal u maken tot hoofd van een volk, „grooter en machtiger dan ditquot;. (1)

T

1

Deut. IX ; 13 — 14.

ocr page 60

52 | land

Uotl wilde Uier teu duidelijkste toonen, | j00(|c dat Hij het sclmldige volk alleen om Mozes 1 spaarde, dat het volk zijn behoud aan hef | gebod van Mozes te danken had. Doch 1 ^ra terzelfder tijd wilde hjj Mozes in staat stellen om het heerlijkste bewijs te geven ■van onbaatzuchtige en alles opofferende liefde jegens het ondankbare volk, dat voortdurend al zjjn weldaden slechts met verzet, ontevredenheid en gemor beant- ^00 woord had, en nu die weldaden in lage quot;n afgoderij verkwistte en vertrapte; het be- ■ y wijs ook . dat hij niet zijne eigene glorie i v0^ zocht, maar alleen de glorie van Jehova, te x die hem gezonden had. Mozes kon hier y00 de plaats innemen van Abraham, hij kon , wa, de aanvoerder worden van een groot eu machtig volk, in eer en aanzien stijgen, en dit alles kostte hem geen de minste moeite, hij behoefde slechts te zwijgen. Doch Mozes zweeg niet; brandend van ijver voor de eer van God en van liefde voor zijn volk, bad hij : „Waarom, o Heer, zou uw toorn ontbranden togen uw volk , dat Gij uit Egyptenland geleid hebt in groote kracht en met sterke hand ? Laat toch bid ik u , do Egyptenaren niet zeggen : Hij heeft hen met listig overleg uit het

zwor talrij en d ken en

te

km

das

zei:

hei

te

wij

in

de

ocr page 61

53

jnen i'an^ geii'oei,(l, om hen op het gebergte to ' i dooden en hen van de aarde te verdelgen. '/ Laat uw toorn rusten en vergeef de boos-| lieid van uw volk. Gedenk uwer dienaren ; Abraham , Isaac en Israël, wien gjj ge-: zworen hebt bij U zeiven : „Ik zal uw zaad : talrijk maken als de sterren des hemels , I en dit gansche land , waarvan ik gespro-■ ken heb, zal ik geven aan uw geslacht, en gij zult het voor altijd bezitten.quot; (1) Zoo bad Mozes en zoo verwierf hij dat zijn volk niet terstond verdelgd werd.

Vroeg Mozes het behoud van zijn volk, dat op het punt stond vernietigd te worden, Franciscus smeekte (jpi behoud voor zoovele zielen , die aan het gevaar waren blootgesteld door de zonden verloren te gaan. Eu hoe zou Jesus doof hebben kunnen blijven voor zijne smeekingeu, daar hij , volkomen onbaatzuchtig, zich zelf vergat, om slechts aan het geluk en heil van anderen , van geheel vreemden , te denken. Hij bad niet met Salomon om wijsheid , want hij had de hoogste wijsheid in zijne Serafijnsche liefde tot den ijjden-den Grodmensch gevonden; hij verzocht

1

Exodus; XXXI1 ; 11 — 13.

ocr page 62

54

niet met Petrus de belooning voor zijne onthechting aan het aardsche , voor zijne getrouwe navolging van den Goddelijken Zaligmaker ; hij vroeg niet naar aardsche goederen of rijkdommen ; hij had immers (

de meest volsiagene armoede tot zijne welbeminde bruid gekozen ; hij dacht op dat oogenblik niet aan de noodwendigheden zijner Orde, om deze in Jesus bijzonderen zegen aan te bevelen. Neen, dit alles was hem vreemd ; hij stortte bittere tranen bij de beschouwing der beleedigingen, welke Gods liefdevollen Zoon worden aangedaan; hjj bespeurde in zijn binnenste slechts gevoelens van barmhartigheid voor de zaligheid Aer zielen, en daardoor overmeesterd mocht hij als het ware uitroepen :

Zoek , o mijn Jesus, zoek in de schatten uwer barmhartigheid eene genade, welke gij mij wilt schenken; en daar het mij geoorloofd is te vragen, o Heer, schenk dan vergiffenis aan het volk , en verleen dan aan al degenen, die rouwmoedig deze kapel zullen binnentreden, volledige kwijtschelding hunner zonden en schulden ; ik verlang noch aardsche goederen, noch wereldsche eer, ik vraag slechts het behoud der zielen ; wel is waar deze gunst

ocr page 63

55

te groot om ze door mijn eigen p3rsoon Ite bekomen , maar ik verzoek de voor-|spraak der Allerheiligste Maagd Maria,

Iuwe Moeder , dat zij zich gewaardige voor mij ten beste te spreken. Zoo bad die ■ Serafijn van liefde, en zijn gebed werd verhoord. Met volle recht mag men hier met den Koninklijken Profeet David uitroepen : „Van den Heer is dit geschied, I en wonderbaar is het in onze oogenquot;. (1)

Van dien tijd af kwamen alle jaren, i op den Isten en 3don Augustus . talrijke scharen pelgrims, wier getal soms tot meer dan tweemaal honderd duizend steeg, in die arme bidplaats, welke thans door eene prachtige hoofdkerk bedekt en beschut wordt, juist daar bidden waar Franciscus bad ; daar kwamen zij de vergeving hunner zonden met de genade der goddelijke liefde afsmeeken , om door den aflaat, aan den Serafijn van Assisië verleend, de onschuld en zuiverheid des doopsels terug te krijgen.

Conradus, Bisschop van Assisië, verhaalt in zijn brief van het jaar 1335, welke brief de geschiedenis van den aflaat van Poftiuncula behelst, dat de Heer, in

1

Ps. CXVII:23.

ocr page 64

56

zijne oneindige goedheid, zich gewaar-digde bijna ieder jaar door wonderen en buitengewone gebeurtenissen dezen aflaat te verheffen, te verheerlijken en te rer-breiden. Onder de velen wil ik slechts een enkel aanhalen, dat ons door Franciscus Karthol i bewaard is.

Toen op den 2den Augustus 1303 eeno menigte pelgrims de kapel omringde, hoorde men eensklaps een geluid, als van den ratelenden donder , en men zag eene sneeuwwitte duif vijfmaal rondom het heiligdom vliegen. Terzelfder tijd verscheen boven het dak de Allerheiligste Maagd Maria, bet kind Jesus in hare armen houdende , dat zijne hand ophief en het volk zegende. Dit feit wordt bevestigd door den Zaligen Conradus van Offida, die ooggetuige van het wonder was.

Tengevolge van deze wonderbare gebeurtenissen stroomden de pelgrims voortdurend in grooter menigte toe. De Zalige Joannes van Alverna verhaalt, dat zij in zijn tijd reeds schier ontelbaar waren. In het jaar 1309 hoorde hij de biecht van een meer dan honderdjarigen grijsaard, die nog te voet uit de omstreken van Perugia gekomen was. Zijn ijver en godsvrucht

ocr page 65

57

bewonderende, vroeg hem de Zalige hoe hij op dien hoogen leeftijd nog zulk eene vermoeiende reis had durven ondernemen. , Eerwaarde Vaderquot;, antwoordde de hoogbejaarde man met het vuur van den man-nelijken leeftijd , „al kon ik niet meer te voet komen, ik zou mij hierheen laten dragen om de genade van een zoo groeten dag niet te moeten missen. Ik verbleef nog in het ouderlijke huis , toen do H. Franciseus volgens zijne gewoonte bij ons zijn intrek nam , en aan mijn vader verhaalde dat hij naar Perugia ging om aan den Paus de bekrachtiging van den door Jesus Christus verleenden atlaat te vragen. Sedert dien tijd heb ik niet verzuimd elk jaar naar Portiuncula te gaan, en zoolang ik leef zal ik er niet ontbreken. De ijver van dien goeden grijsaard was in dat tijdperk van levendig geloof algemeen onder de christenen ; en wie eenmaal op den vduy der groote vergiffenisquot;, zooals het volk den Portiuncula-dng noemde, te As-sië was geweest, ging het volgende jaar met nieuwe gezellen terug.

Door alle eeuwen heen bleef steeds een aanzienlijk getal vrome christenen naar dit heiligdom stroomen, en nog op onze

ocr page 66

58

dagen lil ij ft Portiuncula het geliefkoosde pelgrimsoord. Tegen het einde der maand Juli, zoo verhaalt een geschiedschrijver in het jaar 1883, ziet men langs alle straten scharen van mannen, vrouwen, kinderen en grijsaards naar Portiuncula trekken, biddende, zingende of onder elkander over de wonderen van dit gezegend oord sprekende. Zoodra zij den drempel der Basiliek overschreden hebben, heffen zij vol geestdrift den vreugdekreet aan: Evviva Maria! Leve Maria! werpen zich op don grond neder en kussen dien, zich overgelukkig gevoelende dat zij het doel hunner reis bereikt hebben. De drie eerste dagen dienen tot voorbereiding van het groote feest; elk jaar heeft er eene plechtige driedaagsche oefening plaats, ten einde in de harten der geloovigen d ooi-gebed en de verkondiging van Gods woord de gesteltenissen op te wekken om in overvloed uit deze genadebron te kunnen putten. Als dan eindelijk op den Isten Augustus met de klok het teeken gegeven wordt, dat het heilig oogenblik gekomen is , worden de deuren der oude oorspronkelijke Portiuncula-ka^fA, welke in de 16de eeuw met eene prachtige domkerk is

ocr page 67

59

overdekt geworden, geopend, en stormen de pelgrims onder den herhaalden uitroep : Erviva Maria ! het eerbiedwaardig heiligdom binnen.

Door de eene deur binnengetreden buigen zij voor liet altaar , gaan langs de andere deur weder uit, en deze processie vast aaneengesloten duurt voort tot aan den avond van den volgenden dag. Het is onmogelijk koud en ongevoelig te blijven bij het zien dier menigte geloovigen, die door hunne gebeden, gezangen en verschillende aanroepingen, een ieder op zijne manier, hun liefde en dankbaarheid jegens God en zijne Allerheiligste Moeder toonen.

Ook de Eerwaarde Pater Leopold de Chéraneé, van do orde der Minderbroeders Capucijnen , verhaalt in zijn voortreffelijk werk „De H. Franciscus van Assisiëquot;, dat de vloer der kapel letterlijk is uitgesleten door de knieën der geloovigen , en de muren hebben den indruk behouden der brandende kussen van reeds meer dan zes geslachten.

Gedurende 4 eeuwen was het heiligdom van Portiuncula de eenige plaats op de wereld , waar men het wonderbaar voorrecht, door Jesus zelf op de voorbede van

ocr page 68

eo

Maria, aan den arme van Assisië geschonken, kon genieten. De H. Stoel echter, de voordeelen van deze buitengewone gunst meer willende verspreiden, heeft bij besluit van 4 Juli en 12 October 1G32, en van 3 October 1670 den aflaat van Portiuncula uitgebreid tot alle kerken van de orde der Franciscanen of Minderbroeders, namelijk der Minderbroeders-Recollecten, der Minderbroeders-Capucijuen en der Minder-broeders-Conventueelen. Later werd ditzelfde voorrecht ook geschonken aan de kerken der Tweede Orde en der Reguliere Derde Orde ; eindelijk door bjjzondere toelating van Innocentius XI — 32 Januari 1687 en 10 Mei 1689 is de aflaat van Portiuncula ook toevoegeljjk aan de geloovi-ge zielen des Vagevuurs. De uitbreiding nu van dezen aflaat tot de verschillende kerken der zoo talrijke kinderen van den Sera-fijnschen Vader Franciscus roepen ons onwillekeurig de woorden in den geest, welke Jesus eertijds tot den grooten Ordestichter sprak ; „Franciscus , hetgeen gij vraagt is eene groote zaak , doch gij zijt nog grootere gunsten waardig.quot;

ocr page 69

61

III.

Voorwaarden om «Icii Aflaat van l'or-thmciila fe kunnen verdienen. — Gesteltenis om zijne vrucliten te bewaren.

m deze rijke bron van genade naar waarde te kunnen benuttigen, moet men ook de voorwaarden nakomen, welke daartoe vereischt worden. Men kan dus den aiiaat van Portiuncala verdienen van de eerste Vespers tot aan zonsondergang van het feest der kerkwijding van Onze Lieve Vrouw der Engelen, of duidelijker; in den namiddag van den Isten Augustus, tot ongeveer 7 ^ uur 's avonds van den Men Augustus.

Men kan dezen afiaat verdienen toties qnoties (S. C. Indulg. 3:2 Februarii 1847), dat wil zeggen : men kan eiken keer een vollen aflaat verdienen , zoo dikwijls men

ocr page 70

62

met de uoodige gesteltenis de kerk bezoekt, en het is vooral door dit voorrecht, dal de aflaat van Portiuncula zulke vermaardheid over geheel de wereld verworven heeft.

Om dezen atiaat te kunnen verdienen moet men de volgende voorwaarden vervullen ;

1°. Eene goede biecht spreken op den Isten of 2den Augustus (Deer. S. C'. Ind. (j Oct. 1870); nochtans de wekehjksche biecht is voldoende voor hen , die de gewoonte hebben elke week te biechten.

3°. Tot de H. Tafel naderen op den Isten of 2den Augustus (S. C. Ind. 13 Junii 1832 en 6 Oct. 1870) in eene kerk of kapel naar goedvinden (S. C. Indulg. 32 Februarii 1847).

3°. De kerk bezoeken, waarin men den atiaat kan verdienen, en aldaar bidden , tot de gewone inzichten van Z. H. den Paus, vijfmaal het Onze Vader en vijfmaal het Wees gegroet, of een ander gebed van denzelfden duur.

Zij, die eerst op den 3den Augustus tot de H. Tafel naderen, kunnen reeds den atiaat beginnen te verdienen van de 1ste Vespers op den Isten Augustus.

ocr page 71

63

Daar meu vooral berouw over do bedreven zonden moet hebben, is het nuttig, zich bij elk bezoek der kerk tot leedwezen der zonden op te wekken. Daardoor zal men ook dien waren geest van boetvaar-digheid verkrijgen, welke ons in deze omstandigheden vooral bezielen moet. Hoe meer men zijn hart weet te onthechten aan de zonde , des te grooter zullen ook de geestelijke voordeelen zijn , aan welke men deelachtig wordt. God schenkt den mensch zijne genade en de kwijtschelding der tijdelijke straffen , doch niet om met het hart aan de zonde verkleefd te blijven, om lauw en traag te worden in de vervulling der christenplichten, of zelfs zijne goedheid te misbruiken tot een dekmantel voor nieuwe zonden. Neen : Hij is alleen goed jegens den mensch , om aan zijn onvermogen ter hulp te komen en hem aan te sporen zelf naar vermogen boete te doen ter nitdelging zijner zouden. Daarom liet ook de Kerk van oudsher alleen zulke christenen in de weldaad van den aflaat doelen , die grooten ijver in de boetvaardigheid aan den dag legden. Aldus schonk de II. Apostel Faulus aan den Corinthiër, die in bloedschande vervallen was, alleen

ocr page 72

64

met hot oog op zijn groot berouw een aflaat, terwijl hij in den persoon Tan Christus de nog schuldige boete kwijtschold en hem weder in de gemeenschap der Kerk opnam (1). De H. Cyprianus, Bisschop van Carthago, verzocht met nadruk, dat men toch niet te zacht zoude handelen tegenover de boetelingen, en alleen een atlaat aanvragen voor dezulken , van wier ijver in de boetvaardigheid men zicli ten volle overtuigd had. Paus Gregorius III verleende aan een Bisschop een atlaat, alleen onder de voorwaarde , dat hij naar al zijn vermogen voldoening zou geven. Ook de Kerkvergadering van Trente verklaart, dat de genade van een atlaat alleen dien geloovigen gewordt, die waardige vruchten van boetvaardigheid voortbrengen, en den Heer voor hunne zonden voldoening geven. Het is derhalve eene groote dwaling te meenen, dat door de aflaten de boetvaardigheid overtollig wordt, en dat men ter uitwissching der zonden-schuld niets meer behoeft te doen. Neen, wien de ware geest der boetvaardigheid ontbreekt, voor dien zal God zijne mild-

1

Ci'r. i Coriut. II: 5 — H.

ocr page 73

65

daclige hand sluiten. Om dan dien waren geest in ssijn hart te bezitten moet men vurig bidden, in zijn binnenste een levendig berouw opwekken over al zijne zouden, afstand doen van elke ongeregelde ge-|hechtheid eu neiging, de genade en bijstand des Heeren met ijver afsmeeken.

Hierin moet do 11. Pranciscus zelf tot voorbeeld strekken, daar lijj den aflaat van Portiuncula heeft verkregen als eeue belooning voor zijn gebed eu voor zijn geest van boetvaardigheid.

Op zekeren keer bracht de H. Brigitta den nacht van den In op den 3n Augustus in de kapel van Portiuncula zelf in liet gebed door. Alsdan verscheen haar de goddelijke Zaligmaker, die haar eenige ophelderingen en verklaringen wilde geven omtrent dezen atlaat. Ouder anderen zeide Hij: „Op het zien van de koelheid der menschen jegens God en van hun dorst naar aardsche goederen, verzocht Francis-cus mij een bewijs mijner liefde om in hen het vuur der begeerlijkheid uit te dooven, en dat der liefde te ontsteken. Hot bewijs, dat ik, die de liefde zelf ben, hem gegeven heb, is, dat zij, die in zjjno arme eu van alles ontbloote woning zouden

i

een van ïriji- I ;liap ;; ms, | na- 1 iaji- : leen t' van i iicli I III ,at,

aaien.

er-

3G11

ige en.

ocr page 74

66

komen , vervuld zullen worden met mijno zegeningen en de vergeving hunner zouden ontvangenquot;. Het is immers de dorst naar het aardsche eu vergankelijke, het verlangen om de neigingen van het bedorven hart in te volgen, de koelheid jegens God, het gebrek aan oprechte wederliefde tot Jesus, die voor ons zooveel geleden heeft, welke als zoovele oorzaken zijn, dat men zich zoo gemakkelijk der zonden overgeeft, en den waren geest der boetvaardigheid uitdooft. Zoo men meer dacht aan do pijnen en smarten, welke Jesus voor ons heeft willen onderstaan , dan zou men ook meer den waren geest hebben, om ruimschoots deelachtig te worden aan de gunsten des Heeren.

Toen Franciscus zich in de eenzaamheid van zijn geliefkoosd Portiuncula onder tranen cn boetvaardigheid tot zijn apostelambt voorbereidde, hoorde een zijner oude vrienden zijne kreten van smart en liefde. Niet wetende , waarom hij die heete tranen stortte, vroeg hij naar de oorzaak zijner droefheid. „Ik beween het lijden van onzen Heer Jesus Christusquot;, gaf de Heilige ten antwoord, „en ik zal mij niet schamen lu i over de gansehe aarde openlijk te Ijcvveenenquot;.

ocr page 75

«7

Men moet dus aan God dien waren geest van boetvaardigheid vragen, om de zegeningen , aan den aflaat van Portiuncula verbonden, waardig te kunnen worden en te beantwoorden aan het doel, waarom hij gegeven is. Want diezelfde geest, welke ons zijne genaden doet bekomen, zal ook het middel zijn om zijne vruchten in onze zielen te kunnen bewaren.

Immers, niet tot voldoening voor de zonde alleen, ook voor de volharding in het goede was de geest van boetvaardigheid altijd noodzakelijk. Dat toch leeren ons de Heiligen , die tot het einde toe getrouw zijn bevonden, en nu het loon ontvangen van den wettigen strijd. Geheel hun leven kenmerkte zich door eene heilige bezorgdheid om den geest te doen zegevieren over het vleesch. En al hadden zij jaren lang den goeden strijd des geloofs gestreden , al mochten zij met vertrouwen uitroepen, dat noch verdrukking of angst, noch honger of naaktheid, noch gevaar , noch zwaard of vervolging hen van Christus' liefde scheiden zal (1), toch, of liever des te meer waakten zjj over de bewegingen

1

1

Kom. VIIl : 35.

ocr page 76

68

vau huu hart en beoefenden zij de deugd der zelfverloochening en boetvaardigheid. Wel is waar, zij waren tot hoogeren trap van volmaaktheid geroepen, en dus ook meer dan anderen moesten zij aan zich zelf en der wereld onthecht zijn; doch dit sluit niet uit, dat elke christen de boetvaardigheid moet beoefenen. Al mag men met vertrouwen gelooven, dat men werkelijk van alle zonden gezuiverd en rechtvaardig is, zal men altijd rechtvaardig blijven ? Zijn wij niet eiken dag, ja, elk oogenblik aan het gevaar blootgesteld door den geest der duisternis bedrogen , door ons eigen hart of bedorven vleesch verleid te worden, door eene hevige bekoring overwonnen, plotseling in eene zware zonde te vallen ? Wat kan ons nu tegen zulk onheil beschermen ? De boetvaardigheid , omdat hare werken niet alleen de ziel en het lichaam hunne schuld doen gevoelen, maar ook tezelfder tijd een behoedmiddel tegen de hervalling in de zonden zijn. Een boetvaardig leven kan den vijand onzer ziel ontwapenen , de begeerten des vleesehes bedwingen, de hevigheid der bekoringen weerstand bieden, want hieraan alleen zijn bijzondere gena-

ocr page 77

69

den, buitengewone bijstand en krachtige hulp beloofd.

Als wij ons dus verbljjden met de hoop, van eenmaal de kroon der gerechtigheid te ontTangen, die door God beloofd is aan die Hem beminnen , iederen dag erkennen wij het ook in ons dagelij ksch gebed, dat wij nog blootstaan aan veel bekoringen; het leven van den christen op aarde blijft een strijd. Dat ondervonden zij , die ons zijn voorgegaan : dat ondervinden ook wij , on niemand onzer zal het ontkennen, dat wij vooral in onze dagen bewaarheid zien, wat de H. Apostel Petrus aan de geloovigen van Klein-Azië schreef: „Uw tegenstander, de duivel, „gaat rond als een brieschende leeuw, „zoekende wien hij zal kunnen verslin-„denquot;. (1) Met hem schijnt eene zondige wereld ook alles te beproeven om de heerschappij van het vleesch over den geest te herstellen, en om ook ons te doen vergoten , dat wij ledematen zijn van Hem, die hot kruis heeft gedragen.

Maar al te zeer kan het woord van den Apostel Joannes op onzen tijd worden

1

1 Petr. V ; 8.

ocr page 78

70

toegepast: „Alles wat iu de wereld is, is „begeerlijkheid des vleesches, begeerlijkheid der oogen en hoovaardigheid des „levensquot;. (1) Willen wij nu niet worden medegesleept in den stroom van verkeerdheden, welke ons van verschillende kanten bedreigt, willen wij de vruchten van den Portiuncula-nX\Aa,i in onze harten bewaren, dan moet men voor alles zijn toevlucht nemen tot de deugd der boetvaardigheid ; zij is en blijft voor den christen het grooto middel om voor vele bekoringen te worden gevrijwaard; het middel, waardoor de overwinning wordt verzekerd, wanneer de bekoring niet te vermijden is ; het middel ook, waardoor wij, te midden van alle kwelling, met het vertrouwen op Gods Voorzienigheid, den vrede des harten. op het feest van Portiuncula verworven , moeten bewaren.

Franciscus heeft den aflaat van Portiuncula in den geest van boetvaardigheid afgebeden, in denzelfden geest ook moeten wij ons beijveren aan zijne voordeelen deelachtig te worden, eu in zijne vruchten te volharden. Ja, de geest van Franciscus

1

Joes II; lü.

ocr page 79

71

wiu iederen christen, onverschillig in welken levensstaat hij ook geplaatst is, moeten bezielen , om door dien geest gesteund , hand aan hand te kunnen gaan , en alzoo een bolwerk op te werpen tegen den stroom van onverschilligheid en zede-bederf, welke zoo velen dreigt te verslinden.

Geen wonder is het dus, dat Z. H. Paus Leo XIII, in zjjn Encycliek van 17 September 1882, ter gelegenheid van het zevende eeuwfeest der geboorte van den H. Franciscus, diens geest aanwijst als het groote geneesmiddel voor de kwalen der hedendaagsche maatschappij.

Op het einde der 12de eeuw en eenigen tijd later, zoo schrjjft Z. H., was het katholiek geloof de gemoederen diep ingedrongen. Een heerlijk schouwspel was het, zoovelen , door godsvrucht bezield , naar Palestina te zien snellen , om daar te zegepralen of te sterven. Maar reeds waren de zeden door losbandigheid bedorven , eene vernieuwing van den cliris-teljjken geest was noodig geworden. Het wezen van de christelijke deugd is de verheven geneigdheid van den geest, die in staat is om moeilijkheden en lijden te verdragen ; haar zinnebeeld is het kruis,

ocr page 80

72

omdat wie Christus wil navolgen, het kruis op zijne schouders nemen moet. Met die richting Tan den geest is het geringschatten Terbonden Tan aardsche dingen en de zelfoTerwinning , het gewillig en geduldig Terdragen Tan wederwaardigheden. Eindelijk: de liefde tot God en tot de naasten is de meesteres en koningin van alle deugden. Haar kracht is zoo groot, dat alle moeilijkheden, die de plicht oplegt, Terdwijnen , en ook de zwaarste lasten niet alleen draaglijk, maar zelfs licht voorkomen.

Er heerschte een groot gebrek aan deze deugden in de 12de eeuw ; want een aanzienlijk getal lieden waren toen geheel verslaafd aan de tijdelijke zaken, of joegen met dolle drift eer en rijkdommen na, of brachten het leven door in weelde en Termaken. Eenigen hadden grooten rijkdom in handen en wendden die macht aan als werktuig Tan verdrukking tegenover de ellendige en verachte menigte ; en zij zelf, die door hun stand een voorbeeld voor de mcnschen hadden moeten zijn, hadden do smetten der algemeene ondeugden niet vermeden. De vrij algemeene Tertiauwing der christelijke liefde had de veelvuldige

ocr page 81

73

en dagelijksche rampen van de ijverzucht, de afgunst en den haat tot gevolg gehad ; de gemoederen waren zoo verdeeld en vijandig , dat om de minste reden naburige steden elkander beoorloogden en de burgers tegen elkander de wapenen opnamen.

Het was in deze eeuw, dat Franciseus verscheen. Met eene bewonderenswaardige standvastigheid en een beantwoordenden eenvoud van zeden, beijverde hij zich door woord en daad het verheven beeld der christelijke volmaaktheid onder de oogeu der verouderde wereld te plaatsen. Franciseus , door God tot groote daden geleid, verkreeg de genade om de christenen tot de deugd aan te zetten, en hen tot de navolging van Christus terug te brengen, die langen tijd en ver waren afgedwaald. De christelijke en burgerlijke samenleving heeft dus aan dien enkelen mau onnoemelijk veel te danken. Maar dewijl zijn geest, geheel en bij uitnemendheid christelijk, voor alle tijden en plaatsen even heilzaam is, valt er niet aan te twijfelen, of ook in onzen tijd zullen de instellingen van Franciseus zegenrijk werken. Te meer wijl op meerdere punten overeenkomst tusscheu dezen tijd en dien van Franciscus bestaat.

ocr page 82

74

Evenals in de twaalfde eeuw , zoo ook is nu de liefde tot God niet weinig verflauwd ; deels door onwetendheid, deels door zorgeloosheid, wordt menige christenplicht verwaarloosd. Eenzelfde drift, eenzelfden toeleg om zich de gemakken des levens te verschaffen, om gretig de genoegens na te jagen, vindt men overal. Door wellust beheerscht, verkwist men zijn eigendom, en begeert men eens anders goed ; men werkt en zwoegt alleen om de middelen in zijn bezit te kunnen krijgen, waardoor men de vermaken der wereld genioteu kan. Zoo men met den geest van Franciscus bezield ware , zou ook van zelf geloof en liefde en alle christendeugd een hoogen trap van bloei bereiken, dan zou de ongeoorloofde zucht naar vergankelijk goed wijken , en zou het niet moeie-lijk vallen, — wat aan velen eene zware en ondragelijke last toeschijnt —, zijne hartstochten te onderdrukken. Het is dus waarlijk te wonschen, dat een ieder naar zijn vermogen zich mocht toeleggen op de navolging van Franciscus van Assisië. Dat een ieder zich dan beij vere door een vurig gebed dien geest van onthechting en versterving te vragen, om door den

ocr page 83

75

band der innigste liefde met Jesus ver-eenigd te worden, en in zijn goddelijk Hart de bron Tan alle vreugde en troost te vinden , zoodat men in waarheid met dien Serafijn moge uitroepen : „mijn God en mijn alquot;.

Eindelijk moet men op dien genadevollen dag ook nog de edelmoedigheid van Fran-ciscus navolgen, en de dierbare afgestorvenen , de lijdende zielen des vagevuurs niet vergeten. Wij hebben als het ware op dien dag de sleutels van het rijk dei-hemelen in handen , ons is het gegeven voor eene menigte zielen de deuren des vagevuurs te ontsluiten, of ten minste hunne pjjnen te verzachten en te verminderen ; het is in onze macht zoovele lijdende zielen de onvergankelijke vreugde des hemels te doen verwerven. Aan de zwartste ondankbaarheid zouden wij ons plichtig maken, zoo wij dezen liefdedienst niet vervullen.

Franciscus bad om die buitengewone gunst uit liefde voor onze zielen, hij smeekte die genade af voor ons, die hem geheel vreemd en onbekend waren , wier dankbaarheid en gebeden hij niet noodig had, in één woord, deze atiaat is de

T

d

ocr page 84

76

vrucht zijner onbaatzuchtige liefde. Met hoeveel meer reden echter moeten -wij de voordeelen van dezen beroemden aflaat vragen voor hen, die door de banden des bloeds of der liefde met ons vereenigd ■■\varen, wien wij deze liefdegift als een plicht van oprechte dankbaarheid schuldig zijn. Hoe grooter onze liefde is, in des te ruimer mate worden wij deelachtig aan dezen aflaat, des te meer wordt onze ziel gezuiverd van hare vlekken. des te aangenamer zal zij wezen in do oogen des Allerhoogsten. En God, die Franciscus zoo ruimschoots beloonde voor zijne onbaatzuchtige liefde, zal ons ook beloonen met zijne barmhartige liefde, want onfeilbaar is hot woord van Josus : „Zalig zijn de barmhartigen, want zij „zullen barmhartigheid verwerven.quot; (*)

Derhalve moet men den geest en het voorbeeld van den H. Franciscus met do oogen des geloofs beschouwen , om daardoor te worden aangespoord ze na te volgen , ten einde des te zekerder en des te ruimer uit de genadebron van Portiuncüla te kunnen putten, do verworven vruchten

{*) Matth. V : 7.

ocr page 85

77

iu de harten te kunnen bewaren, en vele zielen aan het geluk des hemels deelachtig te doen worden. Zoo zal die dag, waarop ons zulke groote gunsten zijn weggelegd, zoovele weldaden zijn beschoren, werkelijk een dag van blijdschap zijn voor den hemel, een dag van vreugde voor de aarde, maar ook een vreugdedag voor de ledematen der lijdende Kerk, die door de hechte banden van geloof, hoop en liefde op de innigste wijze met ons vereenigd zijn.

ocr page 86
ocr page 87

Tweede Gedeelte.

ocr page 88
ocr page 89

I.

GEBEDEN ONDER DE H. MIS.

Vooiiicrcidoiul (m-ImmI.

.^.eclCTgeknicld , o mijn God , iu uwe 'xW goddelijke tegeuwoordighoid, aanbid ik uwe opperste JÉajesteit. Ik ■rrptB bemin ü boven alles, meer dan mij zeiven , meer dan mijn leven ; ik betreur en verfoei al mijne zonden.

In vereeniging met den gekruisigden Jesus, wijd ik U toe mijn lichaam, mijne ziel, al mijne zinnen, mijn geheugen, verstand en mijn wil. Vereenigd mot den Priester aan het altaar, oü'er ik U, o Jie-melsclie Vader! het kostbaar bloed eu het

6

ocr page 90

82

lijden van uw welbemiudeu Zoon. Moge dit heilig otter mij meer eu meer zuiveren van de vlekken der zonden! Mogen de gunsten en atiaten, die ik thans hoop tp verdienen, de overgebleven straften der zonden immer meer uitdelgen en de zielen in het vagevuur, bijzonder N. en N. van hare pijnen verlossen en haar de deur des hemels openen !

Mijn Jesus , barmhartigheid !

(Telkens 100 dagen aflaat, Pius IX 33 8ept. 1845.)

Zoet Hart van Maria, wees mijn heil.

{Telkens 300 dagen aflaat, Pius IX 30 Sept. 1852.

Heilige Jozef, Patroon der vereerders van het H. Hart, bid voor ons.

(100 dagen aflaat, eens per dag, Pius IX 13 Juni 1874.)

Coiiiüeor.

Maak dat ik U , o lieer, de zoetheid en de schoonheid zelve , beminne ! Maak dat ik U beminne uit geheel mijn hart, uit geheel mijne zie), uit al mijne krachten, uit al mijne begeerten. Geef mij de ge-

ocr page 91

83

nade vuu mij aim U te hccJiten met conc groote vermorzeling des harten en eone bron yan CTervloedige tranen, niet een diepen eerbied en eene waarlijk kinderlijke vreeze. Dat ik altijd en overal U in mijn hart drage, op mijne lippen hebbe en voor het inwendig oog mijner ziel, opdat geen vreemde genegenheid ooit in staat zij mij van U te verwijderen. (H. Ang.)

O Jesus, die zachtmoedig en ootmoedig van harte zijt, maak mijn hart gelijk aan het uwe !

(300 dagen up aal, eens daags, l'ius IX 25 Jan. l'868.)

Introïtus.

Bieden w ij der allerheiligste Urioëenhcid de verdiensten van Jesus Christus aan, tot dankzegging voor het allerkostbaarste Bloed dat Jesus voor ons in den hof van Oljjven heeft vergoten , en door drze zijne verdiensten smeeken wij zijne goddelijke Majesteit om vergeving onzer zonden. Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader enz.

Bieden wij der allerheiligste Drieöenheid de verdiensten van Jesus Christus aan,

T

ocr page 92

84

tot dank voor zijn kostbaarsten dood, voor ons aan het kruis geleden ; en door deze zijne verdiensten smeeken wij zijne goddelijke Majesteit om kwijtsclielding der straffen , welke wij voor onze zonden schuldig zijn. Onze Vader. Wees gegroet. — Glorie zij den Vader enz.

Bieden wij dér allerheiligste Dieëenheid dc verdiensten van Jesus Christus aan , tot dankzegging voor zijne onuitsprekelijke liefde, welke Hem van den Hemel op aarde deed nederdalen om de mensehelijke natuur aan te nemen , voor ons te lijden en aan het kruis te sterven, en door deze zijne verdiensten smeeken wij zijne goddelijke .Majesteit zich te gewaardigen onze zielen na den dood de hemelsehe heerlijkheid binnen te leiden. Onze Vader. — Wees gegroet. Olorie zij den Vader enz.

(100 dagen nfluat, Leo XI131 Oct. 1833.)

(■loriii in Kxcelsis.

(iod zij geloofd! Geprezen zijn heilige .Naam! Geloofd zij Jesus Christus, waarachtig God en waarachtig mensch ! Geloofd zij Jesus' Naam ! Geloofd zij Jesus in het allerheiligste Sacrament! Geprezen

ocr page 93

85

zij de verhevene Moeder G-ods , de allerheiligste Maagd Maria ! Gezegend zij hare heilige en onbevlekte Ontvangenis! (lo-prezen de naam der Maagd en Moeder Maria! Geprezen zij God in zijne Engelen en Heiligen.

(3()ö dagen njl., 1'ius VII 33 Juli 1801.)

Kpisti'l en Kvangclie.

O mijn God ! ik geloof vastelijk alles wat Gij geopenbaard hebt en de II. Kerk te gelooven voorhoudt, dewijl Gij, de onfeilbare waarheid, het hebt geopenbaard. Ü mijn God ! ik hoop door de verdiensten van Jesus Christus van ü vergiffenis mijner zonden, uwe genade en het eeuwig leven te bekomen , wijl Gij , almachtige, barmhartige en getrouwe God , dit hebt beloofd. O mijn God, ik bemin U van ganscher harte en boven alles , wij 1 Gij , mijn beste Vader, het hoogste en beminnenswaardigste goed zijt. Om U bemin ik ook mijne naasten, vrienden en vijanden gelijk mij zeiven.

(1 jaren en 380 dagen aflaat, Benedic-tus XIV 15 Jan. 1756.)

ocr page 94

86

Credo.

/ie mij hier, o goede en allerzoetste Jesus, neergeknield in uwe allerheiligste tegonwoordigheid, U biddende en smcc-kende met do grootste vurigheid mjjner ziel, dat gij U gewaai'digt in mijn hart te prenten levendige gevoelens van geloof, hoop en liefde , en een waar berouw over nijj.ie zonden en den vasten wil om mij te beteren, terwijl ik met groote liefde en droefheid uwe vijf wonden beschouw en in den geest overdenk, voor oogen hebbende , wat de profeet David van U , o goede Jesus , zeide : „Zij hebben mijne handen en voeten doorboord, zij hebben alle mijne beenderen geteldquot;.

Al wie, na gebiecht en gecommuniceerd te hehhen bovenstaand gebed berouwvol voor eenif/ kruisbeeld leest, en daarenboven eemgen tijd bidt volgens de meening van Zijne Heiligheid, verdient een vollen aflaat.

(Pius IX 31 Juli 1858.)

Olferiuide.

-lesus, Maria, Jozef, ik geef U mjjn hart, mijn geest en mjjn leven.

ocr page 95

87

Jesus, Maria, Jozef, staat mij bij in mijn laafcston doodstrijd.

Jesus, Maria, Jozef, moge ik in uw heilig gezelschap in vrede sterven.

(Telkens 300 dagen aflaat, Pius YJ1 gt;, 38 April 1807.)

Bij de Vingerwasschiiis.

Zuiver mij. Heer Jesus, door uwe oneindige verdiensten. Ik wil mij niet rechtvaardigen gelijk Pilatus, maar ik beken mijne ondankbaarheid jegens U. Ik bid U ootmoedig om vergiffenis en smeek U mij uwe liefde en uwe genade te schenken. Amen.

Zoet Hart van Maria, wees mijn heil.

{Telkens 300 day en aflaat, Pius IX 30 Sept. 1852.)

Prefatie.

Onthecht mijn hart, o Heer, aan het aardsche en vervul mij met uwen Grcest. | Mocht ik U , Heilige Heer, Almachtige Vader, Eeuwige Grod te allen tijde en op alle plaatsen danken en loven. iSTiets is billijker, niets is rechtvaardiger. Wanneer zal hot mij gegeven zijn U, mijn

ocr page 96

88

Schepper, mijn Verlosser, mijn opperste goed voor eeuwig met de engelen en heiligen te mogen danken en loven, en in het liezit van U, mijn God en mijn al, eindeloos zalig te zijn, zonder gevaar van nog ooit van U gescheiden te worden.

Gedoog , intnsschen , o Heer , dat ik , zwakke sterveling , mij in den geest met do hemelingen vereenige en LT met allen eerbied aanbidde, zeggende :

Heilig, Heilig, Heilig zijt gij, o Heer, God der heerscharen! De aarde is vervuld van uwe heerlijkheid! Glorie zij den Vader, en don Zoon en den Heiligen Geest!

(100 tlaycu aflaat, eens daags, Clemens XIII 20 juni 1770.)

Onder de Consecratie.

Geloofd en gedankt zij te allen tijde het allerheiligste en allergoddeljjkste Sacrament !

(100 dagen aflaat, eens daags, i'ius VI 34 Mei 1776.)

Ik aanbid U te allen tijde, o levend brood des hemels, o allerheiligste Sacrament. Goddelijke Jezus, Hart van Maria, zegen mij , ik bid er ü om. Ik geef U mijn hart, o mijnJesus, o mijn Verlosser.

ocr page 97

89

\a de Consecratie.

Zie, mijn liefdevolste Jesus, hoever de overmaat uwer liefde is gegaan. Van uw Vleesch en kostbaar Bloed hebt Gij mij een goddelijk maal bereid , om U geheel aan mij te schenken. Wie heeft U toch tot zulke allergrootste liefdesbetuigingen bewogen ? Zeker niemand anders dan de vurige liefde, waarmede uw hart vervuld is. O aanbiddenswaardig Hart van mijn Jesus, gloeiend fornuis der goddelijke liefde ! neem mijne ziel in uwe heiligste wonde , opdat ik in deze school der liefde leere wederkeerig beminnen dien God, welke mij zulke bewonderenswaardige bewijzen zijner liefde heeft gegeven. Amen.

(100 dagen aflaat, eens daags, Pius VII 9 Febr. 1818.)

Pater IVosfer.

Eeuwige Vader, wij offeren U op het allerkostbaarste Bloed dat Jesus met zooveel liefde en zooveel smart voor ons vergoot uit de wonde zijner rechterhand ; en (loor de verdiensten en kracht van dit bloed bezweren wij uwe goddelijke Majesteit ons haren zegen te willen schenken ;

ocr page 98

90

opdat wij daardoor geholpen , tegen onze vijanden beschermd en van allo kwaden worden verlost, terwijl wij zeggen: „De zegen van den Almachtigen God, des Vaders, en des Zoons en des Heiligen Geestes dale op ons neder en bljjve te allen tijde bij onsquot;. Amen. Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader enz.

{Telkens 100 dayen aflaat, Leo XII 35 October 1833.)

Agnus Dei.

O genadigste J esns, beminnaar dei-zielen ! Ik bid U door den doodsangst van uw heiligst Hart en door de smarten uwer onbevlekte Moeder, wasch in uw Bloed de zondaars der geheele wereld, die thans op sterven liggen, en die heden zullen sterven. Amen.

Hart van Jesus, in doodstrijd gebracht, oidferm U over de stervenden.

{Telkens 100 dacjen aflaat, Pius IX 3 Februari 1850.)

Eeuwige Vader, ik otter ü op het allerkostbaarste Bloed van Jesus Christus, tot uitboeting mijner zonden en voor de noodwendigheden der Heilige Kerk.

{Telkens 100 dagen aflaat, Pius VII 33 September 1817.)

ocr page 99

91

roinmiinie.

Lieve Jesus, hoe gaarne zou ik in staat zijn U waardiglijk in de H. Communie te ontvangen. Kom tocli ten minste tot mij op eene geestelijke wijze door den overvloed uwer genaden.

Ziel van Christus , heilig mij.

Lichaam van Christus , maak mij zalig. Bloed van Christus, verzadig mij.

Water van Christus' zijde , reinig mij. Lijden van Christus , versterk mij. O goede Jesus , verhoor mij.

Laat niet toe, dat ik van U gescheiden worde. Tegen den boozen vijand , verdedig mij. In het uur van mijnen dood, roep mij. Doe mij dan tot U komen.

Opdat ik met uwe Heiligen U love In de eeuwen der eeuwen. Amen.

(300 dagen aflaat telkens, Pius IX 9 Jan. 1854.)

liiiatstc Gebeden.

O Allerheiligste Maagd Maria , Moeder van het vleeschgeworden Woord, schat-meesteres der genaden en toevlucht dei-arme zondaars! Wij nemen met een leven-

ocr page 100

92

dig geloof onzen toevlncht tot uwe moederlijke liefde en bidden U om de genade van te allen tijde don wil Gods en uwen wil te volbrengen. Wij leggen ons hart in uwe handen : wij vragen U de zaligheid der ziel en de gezondheid des lichaams ; en er niet aan twijfelend dat Gij , liefdevolste Moeder, ons zult verhoeren, zeggen wij met een levendig geloof: Wees gegroet enz.

In alle dingen geschiede , worde geprezen en in eeuwigheid verheven de rechtvaardigste, hoogste en beminnelijkste wil van God ! Amen.

(100 flagen aflaat eens daags, Fins VII 19 Mei 1818.)

Engel Gods, die mijn bewaarder zjjt en aan wiens zorg ik door Gods goedheid ben toevertrouwd , verlicht, bewaar , geleid en bestier mij.

{Telkens 100 dagen aflaat, Pius VI 2 Oct. 1795.)

ocr page 101

93

II.

i^lf ofgt;' eeuige oogenblikkeu, eu mijn u/lX Grod , mijn Schepper, mijn liefde-■»*'lt;*• volle Verlosser zal in mijne arme ziel rnsten ; diezelfde God van liefde en goedheid, dien zoovele menschen miskennen , komt in mijn hart verblijven. Lk geloof, mijn Jesns, zonder den minsten twijfel, dat Gij zelf met ziel en met lichaam, met uwe godheid eu menschheid, waarachtig, wezenlijk en zelfstandig in het Allerheiligste Sacrament des Altaars tegenwoordig zijt. Gij zelf, die voor ons iu een armen stal hebt willen geboren worden, die voor ons aan een schandelijk kruishout zijt gestorven, die in de heerlijkheid

ocr page 102

94

des lieuiels nau de rechterhand uws V aders gezeten zijt, fiij wilt, door eeu wonder uwer almacht en liefde, onder de eenvoudige gedaante van brood tegenwoordig zijn , aldus onder ons verblijven , ja zelfs in ons hart nederdalen. Onder die nietige gedaante verbergt gij den luister uwer macht en heerlijkheid, om te naderen tot het geringste uwer schepselen , met wien gij U wilt vereenigen, Gij, o groote God, op wiens verschijning de Cherubijnen en Serafijnen het aanschijn met hunne vleugelen bedekken. Ik geloof het, o mijn Jesus, en op uw woord houd ik mij meer overtuigd van uwe wezenlijke tegenwoordigheid in dit verheven Sacrament, dan zoo ik ü met mijne lichamelijke oogen aanschouwde. Ja, ik geloof dat ik onder de gedaante van brood mijn Schepper, mijn Verlosser en Zaligmaker, don rechter van levenden en dooden zal ontvangen , wien ik eenmaal rekenschap, zelfs mijner minste handelingen, zal moeten geven. Ik geloof het, o mijn God , en zoo ik duizendmaal den dood moest sterven voor de verdediging dezer waarheid, zou ik dien liever ondergaan, dan dit punt van mijn heilig geloof te verloochenen.

ocr page 103

95

Dowjjl Gij, dierbare Verlosser, tot mij komt om mij met genaden te vervullen, en ü geheel met mij te vereenigen, moet mijn betrouwen op uwe zoo liefdevolle komst ook groot zijn. Gelijk Gij in den hemel de zaligen uitnoodigt en verzadigt met de duidelijke aanschouwing uwer Godheid en menschheid, zoo noodigt Gij hielde stervelingen uit cn wilt hunne goede begeerten verzadigen. O mijn Jesus, dien ik in mijn hart ga ontvangen, gij kunt mij met alle goederen verrijken en uwe liefde jegens mij is zoo groot. Ik hoop en vertrouw, dat Gij zult volbrengen, wat Gij U gewaardigd hebt te beloven aan hen, die U waardig in dit Sacrament van liefde ontvangen. Gij zelf hebt immers gezegd: „Dit Is het brood, hetwelk uit „den heme] nederdaalt, opdat al wie „daarvan eet, niet sterve. Ik ben het „levende brood, die uit den hemel ben „nedergedaald. Zoo iemand vau dit brood „eet, die zal leven in eeuwigheid.quot;

O Brood des levens, ik ga ü ontvangen vol vertrouwen, dat Gij mijn geloof verlevendigen cn mijn hart versterken zult; dat gij mijne ziel verblijden, mijne krachten vermeerderen, mijn vleesch zuiveren en mij

ocr page 104

96

in oen iimlfcren mensch hersohcppeu zult. Ik hoop deze groote genade van U te verkrijgen, o mijn Zaligmaker, die vol liefde en genegenheid tot mij komt. Gij hebt voor mij in dit Sacrament eene bron der rijkste zegeningen en genaden willen openen , waaruit ik in ruime niato het ware leven mijner ziel putten kan.

O heilig gastmaal, waarin Christus genuttigd wordt, de gedachtenis van zijn lijden wordt vernieuwd, de ziel met genade vervuld en liet onderpand van het eeuwig leven ons wordt geschonken! O Jesus, welke zalige hoop moet ik opvatten omtrent de uitwerksels van uw bezoek; o Bruidegom mijner ziel. welke zegeningen mag ik er van verwachten , daar ik doordrongen van de grootheid uwer liefde, de bron zelf van alle goed in mij ga ontvangen! Wees getroost, o mijne ziel, want hoe groot uwe zwakheden ook zijn, Jesus komt ze genezen en u als overstelpen met den schat zijner ontfermingen. Tot U dan, o Jesus, mijn barmhartige Heiland, tot ü , bronader van alle volmaakte gaven, tot U spoed ik mij met het volste vertrouwen. Mijne armoede, mijne zwakheden, mijne smarten, al mijne

ocr page 105

97

behoeften zijn bloot voor uwe oogea ; dit is genoeg om mij te doen hopen , dat gij medelijden zult hebben met mijne ellenden, dat Gij mij dc volheid uwer genade zult schenken, om mij te herscheppen, om mij te reinigen , om mij te heiligen. Ja, allerzoetste Jesns , mijne hoop , ik verwacht van U , die Ü geheel aan mij geeft, dat Gij de schoone vlammen uwer goddelijke liefde in mijn hart zult ontsteken, om voortaan slechts alleen dat te willen, wat Gij wilt.

Ach, mijn God, de eenige en ware vriend en minnaar mijner ziel, wat hadt Gij toch meer kunnen doen om mijne liefde te winnen , dan Gij gedaan hebt ? O onmeetbare , onbegrijpelijke , oneindige liefde ! Een God zal zich geheel aan mij geven! O mijn Jesus, het was voor uwe liefde niet genoeg voor mij te sterven , Gij hebt nog het Allerheiligste Sacrament des Altaars willen instellen, om U geheel aan mij te schenken, en ü op de innigste wijze te vereenigen met een zoo ondankbaar schepsel als ik ben.

O mijn God, die eene oneindige liefde waardig zijt, ik bemin U bovenal, ik bemin U uit geheel mijn hart, ik bemin

ocr page 106

98

U meer dan mij zelf, meer dan mijn leven ; ik bemin U om U te behagen , daar Gij zoozeer mijne liefde verlangt. Uut alle aardsche neigingen ver van mijne ziel mogen wijken om plaats te maken voor de liefde van mijn God. Gij wilt, o mijn welbeminde .lesus, U geheel aan mij geven : het is dan billijk en rechtvaardig, dat ook ik mij zelf geheel en gansch en volkomen aan U opoft'ere.

Ik geef mij dun aan U zonder voorbehoud en onverdeeld : mijne zintuigen , de vermogens van mijn geest en ziel, mijne gedachten en bsgeerten , geheel mijn persoon. ik bezweer bet U voor het aan-schijn van lioniel en aarde, ik wil voor II alleen handelen, met U alleen spreken, voor U alleen ademen, in U en met ü. Mocht tocb mijn hart niets dan liefde voor U zijn , geheel in liefde tot U opgaan I Moclit het gloeien door die vurige liefde, welke het hart van uwe lieve Moeder deed ) ontvlammen, als zij U in hare armen drukte! Konde ik U doen beminnen van alle schepselen , ü doen beminnen gelijk Gij verdient bemind te worden ! Voor Gij dan in mijn hart wilt nederdalen, o mijn .Josus, sluit en maak het ontoegankelijk

ocr page 107

Toor alle schepselen. Dat geen schepsel de liefde deele, die U alleen toekomt, die ik voor U alleen bestemd heb.

ü mijn welbeminde Zaligmaker, heersch üij alleen in mi;, bezit Gij mij alleen; en mocht ik nog ooit U niet volkomen onderworpen zijn, straf en kastijd mij streng genoeg, om mij te herinneren aan den plicht in alles uwen heiligen en aanbidde-lijken wil te betrachten. Maak, dat ik niets verlange, niets zoeke dan U te behagen, dikwijls aan den voet uwer altaren te verschijnen, mij dikwijls met L te onderhouden, LT dikwijls in de li. Communie te ontvangen. Laat anderen vreemde geneuchten najagen ; ik bemin , ik verlang niets, niemand dan U alleen , o mijn Jesus, den eenigen schat mijner ziel , de bevrediging mijns harten , ik wil alles vergeten om U alleeu te zoeken en te verheerlijken.

Maar wie ben ik, o mijn God , om tot U te naderen, om LT in mijn hart te ontvangen ? Wie zijt Gij , o God van Majesteit, die in mijne ziel wilt verblijven ? O, uwe grootheid is zonder paal, uwe wijsheid zonder maat, uwe goedheid on-overtroffen. Gij zijt almachtig in kracht,

ocr page 108

100

bowónderens-tvaardig in uwe raadsbesluiten, vreeselijk iu uwe oordeelen, oneindig volmaakt in al uwe eigenschappen. Gij zijt een oneindig groote God, die door do werking van uwen wil alleen al het geschapene hebt voortgebracht, die hemel eu aarde met den luister uwer Majesteit vervult, voor Wien de Engelenscharen beven, voor Wieu de verhevenste Serafijnen zich nietige wormen achten.

En tot wien komt die God van oneindige heerlijkheid? Tot een ellendig schepsel, tot een zondaar, tot een aardworm, die U, o mijn Jesus, zoo dikwijls vergramd heeft. Gij noodigt mij tot dit hemelsch gastmaal uit, Gij wilt mijn hart tot verblijf kiezen, maar deze woonplaats is uwer niet waardig ; Gij neemt uw intrek iu eene ziel , besmeurd door zoovele zonden, zoo verkleefd aan het aardsche en vergankelijke, te midden van zoovele verkeerde en tegenstrijdige begeerten en neigingen. Gij komt tot eene ziel , die slechts uwe verachting-waardig is. Doch, o goedertierenste Jesus, verstoot mij niet van uw aanschijn ; groot is mijne onwaardigheid, maar nog grooter is uwe goedheid. Want wat kan ik in mijne zwakheden beginnen dan tot U te

ocr page 109

101

naderen, ton einde volkomen genezen te worden; Gij komt immers voor geen ander doel in mijne ziel, dan om te doen wat Gij voor den mensch in uw sterfelijk leven gedaan hebt. Gij komt mij als Verlosser mijne zonden vergeven door toepassing der verdiensten van uw Heilig Bloed, dat Gij er voor vergoten hebt. Als geneesheer komt Gij in het huis van don zieke, nadert mij , geeft mij geneesmiddelen om mjj van mijne geestelijke krankheid te verlossen. Gij komt als leeraar om mij met uwe inspraken voor te lichten en den weg der deugd en der volmaaktheid te toonen. Gij komt als Opperpriester om mij de vruchten mede te deelen van hot bloedig otter dat Gij aan het kruis hebt opgedragen ; om mij te bewegen U het offer van een vermorzeld en vernederd hart, eene offerande van lof en een brandoffer van liefde op te dragon. Eindelijk komt Gij nog als een voeder, als spijs, om mij als een kind met de melk uwer liefkoo-zingen te spijzigen ; om mij met U dooiden band van volmaakte liefde te vereenigen ; om mij den kus van vrede aan te bieden , van verzoening en eeuwige vriendschap en den wensch mijner ziol te

ocr page 110

102

vervullen, die deze liefdebewijzen zoo vurig- verlangt.

Ja, mijn Jesus, ik heb groote behoefte aan elk dezer vruchten in het bijzonder en aan allen te zamen ; ik ben oen slaaf des duivels door mijne zonden , verzwakt door mijne driften , onwetend , dwalend , zwak, arm en behoeftig aan onderhoud voor mijne ziel , aan vrede met mijn Schepper, aan besturing, bescherming en aan de gunst mijns Verlossers. O God van onmetelijke majesteit, hoe zou ik ongevoelig kunnen blijven voor deze uitvindingen uwer eindelooze liefde; in persoon wilt Gij tof mij komen om mij te genezen, levend te maken en te omhelzen.

Kom dan Heer, en toef niet; kom en neem do ellende van uw dienaar weg : „Wek uwe macht op en kom om ons te „reddenquot; (1) „Breek de hemelen door en „daal neder! Voor uw aanschijn zullen „de bergen weg vloeienquot;. (3) De bergen mijner driften zullen wegsmelten van liefde. Allerzoetste Verlosser, kom in mijne ziel, die U smachtend verbeidt: neem weg uit haar wat uwe intrede verhindert; werk in haar uit wat Gij mot

(1) Ps. LXX11: 3. (2) Is. LX1V ; 1.

ocr page 111

103

uwe komst voor hebt, vereenig L' met mij , want ik verlang een te zijn mot U, mijn eenigste en hoogste goed , door alle eeuwen der eeuwen.

Beschaamd over mijne zonden, en geheel verootmoedigd , maar ook vol betrouwen op uwe barmhartigheid en liefde jegens mij , kom ik om ü heden in mijn hart te ontvangen. Hoe smart het mij, o mijn God , U tot hiertoe niet bemind te hebben, ja zelfs, in plaats van U te beminnen, zoo dikwijls uwe oneindige goedheid be-leedigd en bedroefd te hebben, om mijne hartstochten te bevredigen. Hoe spijt het mij, o mijn Jesus, dat ik uwe genade en vriendschap vrijwillig heb willen verliezen en verachten , terwij 1 gij uw leven voor mij ten beste gegeven hebt.

Welke ondankbaarheid ! Welke vergetelheid uwer weldaden ! Ik ben gedwongen met den li. Augustinus uit te roepen : „Te laat heb ik U gekend , o schoonheid „altijd oud en altijd nieuw , te laat heb „ik LT bemind!quot; Ja, mijn God, mijn hart is waarljjk vermorzeld, omdat het U beleedigd heeft. Doch, ik mag het hopen , G ij hebt mij reeds vergeven; mocht ik uog schuldig zijn, gewaardig ü

ocr page 112

104

mij vergiffenis te schenken op het oogen-blik, dat ik mij Yoorbereid om IJ in uw goddelijk Sacrament te ontvangen. Wees mij genadig , Heer , ontferm U mijner , verlaat mij niet; ik wil mij beteren , mijn hart is doordrongen van de levendigste droefheid , omdat ik U beleedigd , U miskend heb : liet is bereid , zich aan alles te onderwerpen, liever dan U op nieuw te vergrammen. Ik vrees noch ziekten, noch kwellingen, noch rampspoed : ik vrees de zonde alleen, de zonde, die mijn God kwetst , mijn hoogste goed 311 mijne liefde, mijn Vader, den bruidegom mijner ziel; de zonde , dat mengsel van boosheid , van ondankbaarheid, van snoodheid ; de zonde eindelijk , dat monster , dat eonige, dat wezenlijke kwaad. Ach , Heer! nu heb ik vast besloten U niet meer te vergrammen ; integendeel, ik heb besloten de U aangedane beleedigingen te herstellen door even veel liefde en gehoorzaamheid. Ja, mijn God, ik zal altijd en onYeranderlijk, naar mijn uiterst vermogen uwe innigste, uwe levendigste, uwe vurigste liefde betrachten. Kom dan, 0 Jesus, mijn welbeminde, kom in mijne ziel , die naar uwe tegenwoordigheid verlangt. Amen.

ocr page 113

105

Gebed van den II. Ainbrosiiis.

0 raeiledoogeude Hoer Jesus Christus, ik under met vrees en siddering tot de Tafel van uw allerzoetst Gastmaal, ik, zondaar, die niet op eigene verdiensten steun, maar op uwe barmhartigheid en goedheid vertrouw. Want mijn hart en mijn lichaam zijn met veelvuldige misdaden bezoedeld , en mijn geest en mijne tong niet met omzichtigheid bewaard. Ik ellendige , door angst gekweld, neem dan, o mededoogende Godheid, o ontzaggelijke Majesteit, mijne toevlucht tot U, de bron der barmhartigheid ; tot ü snel ik, om genezing te erlangen , onder uwe bescherming vlucht ik; en voor wien ik als Rechter niet bestaan kan, dien verlang ik vurig als Verlosser te bezitten.

Aan U, o Heer, toon ik mijne wonden; voor U leg ik geheel mijne verachtelijkheid bloot. Ik ken mijne vele en groote zonden, voor welke ik vrees. Maar ik hoop op uwe ontfermingen, wier getal eindeloos is. Zie dan op mij neder met de oogen uwer barmhartigheid, o Heer Jesus Christus, eeuwige Koning, God en mensch , gekruisigd voor den mensch. Vet--

ocr page 114

106

hoor mij , die op U hoop ; lieb medelijden met mij, die vervuld lien van alle ellende en zonde, Gij, die nooit ophoudt de bron uwer barmhartigheid te doen vloeien.

Wees gegroet, o slachtoffer des heils, voor mij en geheel het menschelijk geslacht op den boom des kruises geofferd. quot;Wees gegroet, o edel en kostbaar Bloed, dat stroomt uit de wonden van mijn gekruisigden Heer Jesus Christus, en de zonden der gansche wereld afwascht.

Gedenk , o Meer, uw seliepsel, dat Gij met uw Bloed hebt vrijgekocht. Het doet mij leed gezondigd te hebben, ik verlang te herstellen wat ik misdaan heb. Neem dan , allergoedertierenste Vader, alle mijne ongerechtigheden en zonden van mij weg, opdat ik naar ziel en lichaam gereinigd , het Heilige der heiligen waardiglijk moge nuttigen; en geef, dat het heilig nuttigen van TJw Lichaam en Bloed, hetwelk ik , onwaardige , voornemens ben te ontvangen, moge strekken tot vergiffenis mijner zonden, tot volmaakte zuivering mijner misdrijven, tot verdrijving van allo schandelijke gedachten, tot opwekking van goede gevoelens, tot moed en kracht ter beoefening van U welgevallige werken,

ocr page 115

107

tot onverwinnelijke verdediging va» ziel en licliaiiiu tegen de hinderlagen mijner vijanden. Amen.

Ocbud van den II. Tlionias van Aquinc.

Almachtige, eeuwige God, ik nader tot het Sacrament van uwen eeniggeboren Zoon, onzen Heer Jesns Christus. Tk nader gelijk een zieke tot den geneesheer, ceu onreine tot de bron van barmhartigheid , gelijk een blinde tot het licht van eeuwige helderheid, als een arme on behoeftige tot den Heer van hemel en aarde. Ik smeek uwe onuitputtelijke milddadigheid , dat Gij U wilt gewaardi-gen mijne zwakheid to genezen, mijne onreinheid te zuiveren, mijne blindheid te verlichten, mijne naaktheid te bedekken, mij in mijne armoede te verrijken, opdat ik het Brood der Engelen den Koning-der Koningen en den Hoer der Heerscharen moge ontvangen met zoo groeten eerbied en nederigheid, met zulke levendige gevoelens van godsvrucht en berouw , met zoo groote zuiverheid en geloof, mot zulk een goed voornemen en, zoo goede meening, als voor het heil mijner ziel

ocr page 116

108

dienstig is. Geef mij , bid ik U , dat ik niet alleen het Sacrament van het Lichaam en Bloed des Heeren nuttige, maar ook aan de uitwerkselen en de kracht daarvan deelachtig worde.

O zachtmoedigste God , laat mij het Lichaam van uwen eeniggeboren Zoon, onzen Heer Jesus Christus, dat Hij uit de Maagd Maria heeft aangenomen , zoo ontvangen, dat ik verdien met zijn geheimzinnig lichaam verbonden en onder zijne ledematen gerangschikt te worden. O allerbeminnelijkste Vader, geef mij, dat ik Uwen beminden Zoon, dien ik als sterveling nu nog verborgen ga ontvangen, eenmaal in de heerlijkheid van aanschijn tot aanschijn eeuwig moge aanschouwen. Die met U leeft en heerscht in do eenheid van den H. Geest, God, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Welaan, mijne ziel, het zalig oogeublik is gekomen, waarop Jesus in u zijn verblijf wil nemen. Maar ach, mijn Verlosser, ik ben overtuigd, dat ik aller-onwaardigst ben tot U te naderen en U te ontvangen, zoo om mijne zonden als

ocr page 117

109

om de onreinheid mijns harten ; daarom roep ik tot U : Heer, ik beu niet waardig dat gij onder mijn dak komt, doch spreek slechts één woord, en mijne ziel zal gezond worden.

En al zou ik ook de liefde hebben der Serafijnen, dan zou ik nog onwaardig zijn om U te ontvangen, en daarom herhaal ik nogmaals : Heer, ik ben niet waardig, dat gij onder mjju dak komt, doch spreek slechts écu woord , en mijne ziel zal gezond worden.

Kom dan , o mjju Jesus, kom dan in dit hart dat naar ü zucht; doch voordat Grij U aan mij geeft, wil ik mij aan U schenken ; zie, ik geef U dit mijn ellendig hart, gelief het aan te nemeu, haast U om er bezit van te nemen , vertrouwende op uwe overgroote liefde en barmhartigheid , want in waarheid; Heer, ik ben niet waardig, dat gij onder mijn dak komt; doch spreek slechts één woord en mijne ziel zal gezond worden.

ocr page 118

III

no

\a nr. n. lt;

JEajosteit van mijn

glans do Serafijnen

kunnen verdragen, ik verootmoedig mij voor U , en aanbid U , ouder de sacramenteele gedaante in mijn hart tegenwoordig. Ik aanbid U uit geheel mijn verstand, o mijn Jesus, en erken U alleen waardig om aanbeden te worden ; want Gij alleen zijt de Heilige der heiligen. Gij alleen de Opperste Heer, de Aller- I hoogste, de Eeuwige.

Zegen, o mijne ziel, zegen uwen God, en dat al uwe krachten zich vereenigen om den gezegenden naam des Heeren te verheffen, die n met zijne goddelijke

ocr page 119

Ill

heeft willen vereeren. is clan waar, dat God geheel aan mij is, dat de Schepper van hemel en aarde , dat de Meester van het heelal zich iteeft vereenigd met zijn nietig schepsel I O liefdevolle goedheid ! Welke dankzegging , welke erkentelijkheid kan aan zulke weldaden beantwoorden! Ik dank U , o Jesns , zooveel ik weet, zooveel ik kan , en Gij, heilige Engelen des hemels, die onzichtbaar uwen God aanbidt, helpt mij bidden en helpt mij beminnen.

Wat zal ik den Heer wedergeven voor alles wat Hij mij geschonken heeft ? Liefderijke Jesns, Gij vraagt slechts liefde. Gij roept tot mij : Kind, geef mij uw hart. Ik breng U dit offer , ofschoon het uwer niet waardig is ; ik bemin U uit geheel mijn hart, omdat Gij oneindig beminnelijk zijt, en in de overmaat tiwer liefde ons uw eigen Vleesch en Bloed tot spijze gegeven hebt. Ach, mijn hart, dat ik U als offer aanbied , is zoo koud; ik beu zoo arm in deugd: ik had niet durven naderen, indien uwe uitnoodiging mij niet hadde aangemoedigd : Komt allen tot mij, gij , die vermoeid en beladen zijt, en ik zal u verkwikken,

tegenwoordigheid liet is dan waa

ocr page 120

112

Want, tot wien en waarin zij t gij nedergedaald , ehulelooze Majesteit! In mijn ellendig , arm hart, in dat hart waarin geone deugden , waarin zoo vele ellenden zijn. Met beschaming ontvang ik de uitstekende gunst van een God , tegen wien ik zoozeer misdreven heb. Ach, hoe verfoei en verzaak ik aan alle zonden , aan alles, wat uwe hemelsche zuiverheid in mij zou kunnen mishagen! Te zeer, o onvergetelijke goedheid, te zeer heb ik mij plichtig gemaakt, toen ik U verliet voor schepselen , die mijn hart bederven en mij ten verderve slingeren. Maar nu, o Jesus, nu zie ik van alles af, om mij aan U te hechten; om U nimmer te verlaten. Ik zie af van hetgeen mij tot nu toe aan de wereld gebonden hield, en kies uwe allerdierbaarste vriendschap ; ik zie af van de bedriegelijke goederen dei-wereld , om rijk te worden in uwe goddelijke genade ; ik zie af van de ijdele , aardschc schij^-grootheden , om het weer-galooze voorrecht uw kind te worden en voortaan een uwer leerlingen te ziju. Ik zie af van al het leugenachtige hier beneden , om in U al mijn troost, al mijne verwachtingen te stellen : om ü alleen te

ocr page 121

113

buüittmi, U alleeu on voor altijd, U, mijn eenig heil, mijn geluk en mijne zaligheid.

Maar waarom , o mijn Jesus, waarom is mijn hart op dit oogenblik niet gelijk aan het uwe, brandende van liefde, om U op eene waardige wijze te beminnen ? Gij hebt immers in den loop van uw openbaar leven gezegd, dat Grij op de wereld zijt gekomen om het vuur der liefde te brengen , en niets anders verlangt, dan dat i het ontstoken worde. Ontsteek dan mijn koud en ongevoelig hart dooi- het vuur uwer liefde, om LT , mijne vreugde, mijn steun , mijn schat eu mijn leven, al de dagen mijns levens te kunnen beminnen.

Ik wonsch op dezen stond al de dagen eu uren te kunnen herstellen , waarop ik U niet bemind heb, ik wenscb, dat mijn hart, doordrongen vau liefde tot U, nimmer liefde schonk aan eenig schepsel dan met, in en voor U. O heilige liefdebrand, zuiver mijn hart van alle aardsche aange-kleefdheid, ontsteek het door uw heilig liefdevuur; mijn geest, mijn hart, mijn leven zijn alleen voor Ü. Niet alleen wil ik U lieminnen , ik wil mij daarenboven toewijden en geheel besteden, opdat Gij van alle schepselen moogt bemind worden.

ocr page 122

114

Mjju welbeminde Heiland, vervul de oogmerken vau barmhartigheid, om welke Gij U gewaardigt hebt van den troon uwer Majesteit in mijne schamele woning neer te dalen. Dat het U niet genoeg zij , U geheel aan mij gegeven to hebben; maar schenk mij met uwe heilige tegenwoordigheid de schatten van genade , die U vergezellen, U, die gedurende uw stoffelijk leven den blinden het gezicht, den melaat-schen en zieken de gezondheid , den zondaren de vergeving, den dooden het leven hebt wedergegeven, en maak mij deelachtig aan de heiluitwerkende kracht ook ten gunste van allen, die met een levendig geloof tot U hunne toevlucht nemen.

Gij ziet aan uwe voeten, o Heer , een armen blinde , verlicht hem : een melaat-sche , bedekt met zonden en ongerechtigheden , zuiver hom ; een zieke , die lijdt aan zielekwalen, genees hem; een grooten zondaar, vergeef hem. heilig hem. Xiets is moeielijk voor uwe goddelijke almacht, ik hoop en verwacht nu alios van uwe liefde. Schenk mij, medelijdende Jesus, schenk mij de genade mijne zonden te beweenen, de plichten van mijn staat met liefde te vervullen, met lijdzaamheid en over-

ocr page 123

115

fjoviug tic beproevingen des levens te dragen; maar boven alles LI te beminnen tot mijn laatsten zucht. Die laatste zucht zjj eene zucht van liefde, welke mijne ziel doe opstijgen ten hemel, tot het bezit van U, o Jesus, mijne eeuwige liefde. Am.

Eeuwige Vader, ik offer U op het allerkostbaarst Bloed van Jesus Christus tot voldoening voor mijne zonden en voor de behoeften der Heilige Kerk.

(101) dagen aflaat telkens, Pins Vil 23 September 1817.)

Ik X. X., om L' mijne erkentelijkheid te toonen en al mijne ongetrouwheden to herstellen, schenk U mijn hart en wjjd mij geheel aan U toe, o mijn beminnelijke Jesus, en met uwe hulp neem ik mij voor, niet meer te zondigen.

Zoet Hart van Jesus, maak dat ik U itnmer meer beminue.

(300 dagen aflaat telken*, l'ius I \ 36 November ISTfi.)

ocr page 124

116

Uekcii vjiii den II. Thomas van Aqiiinc.

Ik bedank U, heilige Heer, almachtige Vader, eeuwige God, dat Gij mij, zondaar , uwen onwaardigeu dienaar, zonder mijne verdiensten, doch alleen uit barmhartigheid , gewaardigd hebt te spijzigen met het kostbaar L chaam en Bloed van uwen Zoon, onzen Heer Jesus Christus. En ik bid U, laat deze heilige Communie mij geene oorzaak van straf, maar een heilzaam middel tot vergiffenis zijn. Laat zij mij strekken tot een wapen des geloofs, tot een schild van goeden wil, tot uitroeiing mijner gebroken; tot onderdrukking mijner kwade lusten en begeerten , tot vermeerdering van liefde cn geduld, van ootmoed en gehoorzaamheid en van alle deugden, tot eene sterke bescherming tegen alle hinderlagen mijner zichtbare en onzichtbare vijanden, tot volmaakte rust van al mijne vleeschelijke en lichamelijke bewegingen , tot onwrikbare trouw aan U , den eenen en waren God, en tot een gelukkig en zalig uiteinde mijns levens.

Verder smeek ik U , dat Gij mij , zondaar , eenmaal daarboven tot dien onuit-sprekelijken maaltijd zult gelieven toe te

ocr page 125

117

laten, waar Grjj , met uw Zoon en den II. Geest, voor uwe Heiligen het ware licht, de volledige bevrediging, de eeuwige vreugde, het voltooide geluk en de volmaakte zaligheid zijt. Door denzelfden Christus onzen Heer. Amen.

Cebed van den H. Bonaventura.

Doorgloei, o allerzoetste Heer Jesus , het binnenste mijner ziel met het vuur uwer teederste en heilzaamste toegenegenheid en met eene ware, oprechte en krachtdadig heilige liefde tot U, opdat mjjne ziel alleen uit smachtverlangen naar U als verteere en , van bovennatuurlijke begeerten ontvlamd. in uwe voorhoven als wegkwijne van verlangen, om ontbonden te worden en met U te zijn.

Geef, dat mijne ziel slechts hongere naar ü , die het brood der Engelen , de verkwikking der heilige zielen, ons dage-lijksch geestelijk brood zijt, dat alle zoetheid van geur en smaak en alle lieflijkheid in zich bevat; dat mjjn hart steeds naar U hake en U, wien de quot;Engelen zoo ^ vurig wenschen te aanschouwen , geniete en mijn binnenste door uw zoeten

ocr page 126

118

geur Tervuld worde ; laat mijne ziel steeds dorsten naar U , de bron des levens , de bron van wijsheid en wetenschap, de bron van liet ecuwig licht, don stroom van het hemelsch genot, den overvloed van het huis Gods ; laat zij naar ü steeds verlangen, U zoeken, ü vinden, naar U streven, tot U komen, aan U denken, van ü spreken en alles verrichten tot lof en glorie van uwen Naam , met ootmoed en bescheidenheid , met liefde en behagen , met opgeruimdheid en ijver, met volharding ten einde toe , en wees Gij en Gjj alleen altijd mijne hoop, mijn heil en mjjn vertrouwen, mijn rijkdom, mijn genot, mijn vermaak, mijne vreugde, mijne kalmte en rust, mijn vrede, mijn zoetheid , mijn behagen ; mijne spijze , mijne verkwikking, mijne toevlucht, mijne hulp, mijne wijsheid, mijn erfdeel , mijne bezitting en mijn schat, waarin mijn hart en mijne ziel immer vast en onwrikbaar geworteld en bevestigd blijven. Amen.

ocr page 127

119

(iebcil van den li. lifiiatiiis de Loyola.

Ziel van Christus , heilig mij.

Lichaam van Christus, maak mij zalig. Bloed vaii Christus, verzadig mij.

Water der zijde van Christus, wasch mij. Lijden van Christus, versterk mij. O goede Jesus, verhoor mij.

Binnen uwe wouden verberg mjj.

Laat niet toe, dat ik van U gescheiden worde. Tegen den boozen vijand bescherm mij. In het uur van mijnen dood roep mij , En beveel mij tot U te komen,

Opdat ik LT met uwe Heiligen love ,

Door de eeuwen der eeuwen. Amen.

Ajlaat van 800 dagen ieder en keer dat men deze aanroeping ten minste met rouwmoedig hart en godvruchtig bidt.

Ajlaat van 7 jaar eens per dag , wanneer zij gebeden wordt door de gcloovigen na het ontvangen der II. Communie.

Een volte ajlaat eens per maand aan alle geloo-vigen, die haar ten minste eens per dag bidden gedurende den duur eerier maand. Voorwaarden: Biechten , Communiceer en , eene kerk bezoeken , en daar bidden overeenkomstig de meening van 7j. ii.

(Pius IX, bij Decreet van de Congregatie fier Aflaten. (J Januari 1854.)

ocr page 128

12U

VemiflitiiiKeii van den II. Ansiiistiiiii.s.

A oh, Heer Jesus, dat ik U kenne, dat ik mij zelven kenne, dat ik niets anders hegeero dan II; dat ik mij hate , dat ik U beminne, en dat ik alles doe om U. Dat ik mij vernedere, dat ik U verhette, dat ik alleen denke op ü. Dat ik aan mij sterve, om voor U te leven , en al, wat mij overkomt, aanname van U. Dat ik mij verlate , dat ik U volge , en altijd wensohe niets anders te volgen dan U. Dat ik mij ontvluchte, dat ik tot ü vluchte, opdat ik verdiene beschermd te worden door U. Dat ik voor mij vreeze , dat ik IJ vreeze, opdat ik zjj onder uwe uitverkorenen. Dat ik mij mistrouwe, op U betrouwe, dat ik gehoorzame om U. Dat ik niets anders verlange dan U, dat ik gaarne arm zij om U. Ach , zie mij aan, dat ik U beminne, roep mij . opdat ik tot U kome, en in eeuwigheid leve met U. Amen.

ocr page 129

121

/ie mij iiier, o goede en allerzoetste Jesus, voor uw heilig aanschijn werp ik mjj op mijne knieën neder, cn smeek l' met den grootsten aandrang mijner ziel , levendige gevoelens van Geloof, Hoop en Liefde, van waarachtig berouw over mijne zonden, met een vast voornemen mij daarvan te beteren, in mijn hart te willen drukken, terwijl ik met grooto liefde on droefheid uwe HH. Vijf Wonden in den geest beschouw, en mij voor oogen stol, wat do Profeet David reeds van U, o goede Jesus, voorzeide : „Zij „hebben mijne handen en voeten doorboord; „zij hebben al mijne beenderen geteldquot;. (*|

//iorna huU nmu rijfrnat/l het Onze Vader tn Wees Gegroet.

Dd voov het beeld vim don (i('l'iquot;tn-silt;/de biddende, rerdienl men een rollen A ff a/tl.

(Pius IX, Deer. H. C. der AH. 31 Juli 1858).

(-) Ps. 21 : 17 eu 1«.

ocr page 130

122

Geloofd, aangebeden en met gevoel van dankbaarheid zij Jesns Hart bemind in het Allerheiligste Sacrament des Altaars , op ieder oogeublik en in alle tabernakelen der gansche wereld tot aan de voleinding der eeuwen. Amen.

(Aflaat van 100 dagen, eens per day. Pius IX, 2!) Februari 1868.)

ocr page 131

123

IV.

Heer , ontferm U onzer.

Christus , ontferm U onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Jesus, hoor ons.

Jesns , verhoor ous.

God hemelsche Vader , ontferm U onze]-. God Zoon, A^erlosser der wereld ,

God H. Geest, |

H. Drievuldigheid , één God , S5

Jesus , Zoon van den levenden God , 3 Jesus , schitterend licht des Vaders , Jesus, glans van het eeuwige licht, Jesus, koning der heerlijkheid, =

Jesus , zon der gerechtigheid , 2

Jesus, Zoon van de Maagd Maria,

ocr page 132

124

Minnelijke Jesus , ontferm TT onzer. Wonderbare Jesus ,

J esus , sterke God ,

Jesus, Vader der toekomende eeuwen , Jesus, verkondiger van Gods verheven raad ,

Allermachtigste Jesus,

AUerverduldigste Jesus, Allergehoorzaamste Jesus ,

Jesus, zachtmoedig en ootmoedig van harte,

Jesus , minnaar der zuiverheid ,

Jesus, onze minnaar,

Jesus, God dos vredes,

Jesus , oorsprong des levens ,

Jesus , voorbeeld dér deugden ,

Jesus, ijveraar der zielen ,

Jesus , onze God ,

Jesus, onze toevlucht,

Jesus , Vader der armen ,

Jesus, schat der geloovigen,

J esus , goede Herder ,

J esus , waarachtig licht,

Jesus, eeuwige wijsheid,

Jesus, oneindige goedheid,

Jesus, onze weg en ons leven,

Jesus , blijdschap der Engelen ,

Jesus , koning der Patriarchen ,

ocr page 133

125

Jesus, verlichter der Profeten, outferm LI onzer.

Jesus , meester der Apostelen , ==.

Jesus , leeraar der Evangelisten , ^

Jesus, sterkte der Martelaren, n

Jesus , licht der Belijders , o

Jesus, zuiverheid der Maagden, |

Jesus, kroon van alle Heiligen. quot;

Wees genadig , spaar ons Jesus.

Wees genadig , verhoor ons , Jesus. Van alle kwaad, verlos ons, Jesus. Van alle zonde, verlos ons, Jesus. Van uwe gramschap, verlos ons, Jesus. Van de listen des duivels.

Van den geest van onkuischheid , Van den eeuwigen dood ,

Van de verontachtzaming uwer in- ^ spraken,

Door het geheim uwer heilige nieusch- fquot; wording-, „

O 7 Q

Door uwe geboorte , jj

Door uwe kindsheid,

Door uw allergoddelijkst leven , i-

Door uwen arbeid , c

Door uwen doodstrijd en uw lijden , ^

Door uw kruis en uwe verlatenheid,

Door uwe smarten,

Door uwen dood en uwe begrafenis ,

ocr page 134

126

Door uwe verrijzenis, verlos ons, Jesus. Door uwe hemelvaart, verlos ons , Jesus. Door uwe vreugden , verlos ons , Jesus. Door uwe verheerlijking, verlos ons, Jesus. Lam Gods', dat de zonden der wereld

wegneemt, spaar ons , Jesus. Lam Gods, dat de zonden der wereld

wegneemt, verhoor ons, Jesus. Lam Gods, dat de zonden der wereld

wegneemt, ontferm U onzer , Jesus. Jesus , hoor ons.

Jesus , verhoor ons.

LAAT ONS BIDDEN.

Heer J esus Christus , die gezegd hebt : vraagt, en gij zult verkrijgen ; zoekt, en gij zult vinden ; klopt en u zal worden opengedaan ; wij Ijidden U , verleen ons , op onze smeekingen, de genegenheid uwer allergoddelijkste liefde, opdat wij U uit ganscher harte door woorden en werken moge beminnen, en nimmer ophouden U te loven.

Maak, o Heer! dat wij te zamen de vrees en de liefde van uwen H. Naam in eeuwigheid mogen bezitten , omdat Gij nooit ophoudt hen te besturen, die Gij vestigt in de kracht vau uwe liefde. Die

ocr page 135

127

leoft en heerscht met God Jeu iilimiclitigeii Vader in de eenheid van den H. Geest in allo eeuwen der eeuwen. Amen.

{Aflaat van 300 datjcn, eenmaal per dag.)

ticbeil (lt;gt;( di'ii Koeten Naam Jesus.

0 goede Jesus , o liefdevolle Jesus , ó allerzoetste Jesus, o Jesus, Zoon dei-Maagd Maria, vol barmhartigheid en liefde. 0 zoete Jesus, ontferm U over mij volgens uwe groote barmhartigheid. O goeder-tierenste Jesus, door dat kostbaar Bloed, hetwelk Gij voor de zondaren hebt willen vergieten , smeek ik ü , alle mijne ongerechtigheden af te wasschen en een blik te slaan op mij , ellendig en onwaardig mensch , die nederig om vergeving smeekt en dezen H. Naam Jesus aanroep.

O Naam Jesus, zoete Naam, Xaam .lesus, verkwikkende Xaam, Xaam Jesus, versterkende Naam. Wat toch beteekent .lesus anders dan Zaligmaker? Daarom mijn Jesus, bij uwen heiligen Naam, wees mij een Jesus en maak mij zalig. Laat toch niet toe dat ik, dien Gij uit het niet hebt geschapen , verloren ga.

ocr page 136

128

U goede Jesus, dat mijne boosheid mij, dien uwe almachtige goedheid heeft gemaakt , niet ten verderve voere. O zoete Jesus, erken wat uw eigendom is, en neem weg wat aan een ander behoort. O allergoedertierenste Jesus, ontferm U mijner, terwijl het nog tijd Tan erbarming is, opdat Gij mij ten tijde van hot oordeel niet behoeft te veroordeelen.

Niet de dooden zullen ü loven, Heer Jesus, noch zij allen, die in de hol nederdalen. O liefdevolle Jesus, o Jesus, voorwerp mijner verlangens, o allerzacht-inoedigste Jesus, o Jesus, Jesus, Jesus, laat mij onder het getal uwer uitverkorenen behooren.

O Jesus, zaligheid van wie in U ge-looven, o Jesus, troost van wie tot (J vluchten, o Jesus, Zoon der Maagd Maria, stort in mij genade, wijsheid, liefde, zuiverheid en ootmoed, opdat ik U volmaakt kunne beminnen, U loven, U genieten, U dienen en mij in U beroemen, met hen allen, die uwen Naam aanroepen, welke is Jesus. Amen.

(Aflaat van 100 day en , eens per day , Pius IX 36 Novemb. 1876.)

ocr page 137

129

gebed.

0 Jesus , die loeft in Maria, kom en leeft in uwe dienaren in den geest uwer heiligheid, in do volheid uwer kracht, in de waarheid uwer deugden, in de yoI-raaaktheid uwer wegen, in de mededeeling uwer geheimen ; heerseh over elke tegenstrijdige macht in uwen Geest, tot glorie des Vaders. Amen.

{Aflaat can 300 dagen , ems per day, Pius IX 14 October 1859.)

O goedertierenste Jesus, Gij alleen zijt onze zaligheid , ons leven en onze verrijzenis. Wij smeekcn U dan, verlaat ons niet in onze benauwdheden en kwellingen, maar door den doodstrijd van uw allerheiligst Hart, door de smarten uwer oubovlokto Moeder, kom uwe dienaren te hulp, die Gij door uw kost baai' Bloed hebt vrijgekocht.

{Aflaat van 100 day en, eens per day, Pius IX 6 October 1870.)

--Sr»-

!)

ocr page 138

130

liitanie ter ecre van het II. Hart van Jesim

lieer, ontferm U onzov.

Christus, ontferm U onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Jesns, hoor ons.

Jesns, verhoor ons.

God hemolsehe Vader , 2

G od Zoon , Verlosser der wereld , p; G od H. Geest, jh

11. Drievuldigheid , één God , c

Hart van Jesus, Zoon van den eeuwl- g gen Vnder, ?

ocr page 139

181

Hart van Josus, Zoon van de Maagd

Maria, ontferm U onzer.

Hart van Jesus, eigene en waardige

woonplaats van den H. Geest,

Hart van Jesus, schatkamer van de

allerheiligste Drievuldigheid .

Hart van Jesus, glorie en vreugde

der Engelen ,

Hart van Jesus, oneindig in majesteit ,

Hart van Jesus, voorwerp van allo

liefde, c

Allerootmoedigst Hart van Jesus, S. Allerzuiverst Hart van Jesus, 2

Allerbeminnelijkst Hart van Jesus, 5 Hart van Jesus, vol van zegen en c;

genade, o

Hart van Jesus, wellust van Hemel 5 en aarde,

Hart van Jesus , lieht van geheel de wereld,

Hart van Jesus, onoverwinnelijke

sterkte tegen onze vijanden,

Hart van Jesus, fontein van alle

rechtvaardigheid ,

Hart van Jesus, oorsprong van allo

goedheid en barmhartigheid,

Hart van Jesus, vol medelijden en toederheid ,

ocr page 140

Hart va n Jesus, woonstede aller deugden,

ontferm U onzer.

Hart van Jesus, uilen lof cn eer waardig,

Hart van .Jesus, aan wien alle aanbidding toekomt,

Hart van Jesus, onuitputbare bron

van alle hemelsche gaven ,

Hart van Jesus, zaligheid dergeuen,

die in U hopen ,

Hart van Jesus, fontein der wateren

springende ten eeuwigen leven , £ Hart van Jesus, verzoening onzer

zouden, 2

Hart van Jesus, troost van alle bedrukte harten,

Hart van Jesus, hoop van hen, die § in U sterven , o

Hart van Jesus, ons leven en onze *'

verrijzenis.

Hart van Jesus, toevlucht van alle

zondaren,

Hart van Jesus, met bitterheid voor

ons vervuld ,

Hart .van Jesus, met versmaadheden

overladen,

Hart van Jesus, om onze boosheden doorwond ,

ocr page 141

133

Hart van Josus, om onze zaligheid gostor-

von aan hot kruis , ontferm U onzer. Hart van Jesus, niet eeno lans door- c stoken, ^

Hart van Jesus, levende, heilige en

Grod behagende offerande . o

Hart van Jesus, altaar waarop al de g Heiligen opgeofferd worden , -■

Lam Gods, dat de zonden der wereld

wegneemt, spaar ons , Heer. Lam Gods, dat de zonden der wereld

wegneemt, verhoor ons, Heer. Lam Gods, dat do zouden der wereld

wegneemt, ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

Heer , ontferm U onzer.

Christus , ontferm U onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Onze Vader, enz.

OEBKD.

Heer Jesus Christus, die U gewaardigd hebt aan uwe Kerk kenbaar te maken de onuitsprekelijke rijkdommen van uw goddelijk Hart, maak, dat wij waardig worden aan do liefde van dit allerheiligste Hart te beantwoorden, en de versmading,

ocr page 142

134

aan hetzelve door do oudaukbaarheid dor menschou aangedaan, door waardige eerbewijzen te vergoeden. Dit vragen wij IJ, die leeft en heerscht met den Vader en den H. Geest, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Oefening van Keiiierstcl.

Liefderijke en aanbiddelijke Jesus ! mijn Zaligmaker en mijn God ! die door de vurigste en wonderbaarste liefde U tot een slachtoffer in het hoogwaardige Sacrament dos Altaars gegeven hebt, welke droevige gevoelens moeten er ontstaan in uw heilig Hart, daar Gjj iu de harten van de meeste menschen niots vindt dan versteendheid , vergetelheid , ondankbaarheid en verachting ! Het was U dan niet genoeg den moei-lijkston en pijnlijksten weg verkozen te hebben om onze zaligheid te bewerken 1 Het was dan niet gouoog U overgegeven te hebben aan zulk eenen wreoden en angstigen doodstrijd , veroorzaakt door het aanschouwen onzer zonden , wier last Gij op U genomen hadt; Gij hebt U nog willen blootstellen aan allo versmadingen, die door do boosheid der menschen en

ocr page 143

135

der hel kuunen uitgevoudeu worden. Met ceu verootmoedigd hart eu eene diepe droefheid vraag ik duizendmaal en duizendmaal vergiffenis voor al de versmadingen , die Gij op uwe altaren ontvangen iiebt. Ach! ware het mij gegeven mot mijne tranen te bevochtigen on mot mijn bloed af te wasschen al de plaatsen waar uw hart versmaad is geweest en waar men uwe liefde mot verachting beloond lieoft! Acii! konde ik door eene nieuwe soort van dienstbewijzing, van verootmoediging , van vernedering, zoo vele heiligschennissen en onteeringen herstellen! Ach ! mocht ik meester zijn van alle harten der menschen, om U deze op te dragen , en aldus eenigszins hunne vergetelheid en ongevoeligheid te vergoeden, daar zij U niet hebben willen erkennen, of, U gekend hebbende, U zoo weinig bemind hebben !

Maar, o minnelijke Zaligmaker! hetgeen mij het meeste met schaamte bedekt, en waarom ik het diepste zucht, is, dat ik onder het getal van die ondankbaron ben. Gij, o mijn God! Gij die het binnenste van mijn hart doorziet, Gij kent de droefheid, die ik over mijne ondankbaarheid gevoel, Gij weet dat ik

ocr page 144

136

bereid ben daarvoor alles te doeu en te lijden, zooveel in mij is, om die te herstellen. Zie dan, lieer, hier ben ik , om van uwe hand te ontvangen al wat Gij mij ten dien einde zult gelieven op te loggen. JSla en kastijd mij , o Heer! ik zal de hand, die mij zoo rechtvaardig straft, zegenen en kussen. Gelukkig zoude ik wezen , indien ik door alle mogelijke pijnigingen voor zoovele versmadingen eenigszins koude voldoen. Maar indien ik die genade niet verdien, neem ten minste do oprechte begeerte aan , die ik daartoe heb, en geef volle kracht aan het voornemen, dat ik maak , nooit iets te vergeten , om U , o mijn Zaligmaker ! te beminnen en te eeren in het aanbiddelijk Sacrament des Altaars. Amen.

ocr page 145

tkiï eekk van sikt

allkk1ifjl9g8tk sat'rament l»ks altaahs.

ijtanic tot .Ivsus in het Allerheiligste Saerainent.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, ontferm ü onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God hemelsclie Vader, ontferm U onzer.

Q-od Zoon , Verlosser dor wereld, ontferm

U onzer.

God H. Geest, ontferm U onzer. h. Drievuldigheid, één God, ontf. U onzer. Levend Brood, dat uit den Hemel gedaald zijt, ontferm U onzer.

ocr page 146

138

Verborgen God ou Zaligmaker,

Tarwe der uitverkorenen,

Wijn , die maagden voortbrengt, Voedzaam brood en vermaak der

koningen,

Altijddurende offerande,

Zuivere opdracht,

Lam zonder vlek,

Allerzuiverste maaltijd ,

Spijs der Engelen ,

Verborgen hemelseh brood , o

Gedachtenis van Gods wonderheden, 3; Bovennatuurlijk Brood, 2

Woord, dat vleeseli geworden zijt ^ en onder ons woont, c

II. Hostie , o

Gezegende drinkbeker, S

Doorluchtig en hoogwaardig Sacrament, Allerheiligste offerande ,

Waarachtige verzoening voor levenden

en dooden ,

Hemelseh behoedmiddel tegen de zonden, Wonder boven allo wonderen , Allerheiligste gedachtenis van het lijden

des Hoeren,

Gave, die alle volheid te boven gaat, Voortreffelijk gedenkteeken der goddelijke liefde,

(s

ocr page 147

189

Overvloeiende bron van Gods milddadigheid , ontferm U onzer.

Overheilig en wonderbaar geheim , Aanbiddelijk en levendmakend Sacrament, Brood, dat door de almogendheid des

Woords zijt vleesch geworden , g

Onbloedige offerande, 5.

Spijs en medegast. ^

Allerzoetste maaltijd, bij welke de En-0 gelen tegenwoordig zijn en dienen , C Teeken van genade, S

Band van liefde , S

Offeraar en offerande , ~

Geestelijke zoetheid, die in haren eigen

oorsprong gesmaakt wordt, Verkwikking der heilige zielen , Versterking dergenen , die in den Heer

sterven ,

Band der toekomende glorie,

Wees genadig, spaar ons, lieer.

Wees ons genadig , verhoor ons , Heer. Van hot onwaardig nuttigen uws Liehaams en Bloeds, J

Van de begeerlijkheid des vleesches, P-Van do begeerlijkheid der oogen . 2 Van de hoovaardigheid des levens, Van alle gevaren der zonden , S1

Door do groote begeerte, die Gij gehad

ocr page 148

140

hebt om dit Paaselilam jnot uwe Leerlingen to eten,

Door do diepe ootmoedigheid, waar- ^ mede Gij de voeten uwer Leerlingen |-gewasschen hebt, :J'

Door de vurige liefde, niet welke 2 Cxij dit 11. Hacranient hebt ingesteld , quot; Door uw dierbaar Bloed , dat Gij ons

op het altaar hebt nagelaten, g

Door de vijf wonden , dio Gij in uw ~ allerheiligste Lichaam voor ons ontvangen hebt,

Wij, zondaren, wij bidden (J verhoor ons. Dat het U believe het geloof, den eerbied en de begeerte tot dit wonderbaar Sa-crament in ons te vermeerderen en te bewaren , wij bidden U , verhoor ons. Dat het ü believe ons door eene ware belijdenis onzer zonden tot het dikwijls nuttigen dezer geestelij ke spijs te bereiden, wij bidden U, verhoor ons.

Dat Gij ons van alle ketterij, ongeloof en verblindheid des harten wilt bevrijden, wij bidden U, verhoor ons.

Dat het U believe ons aan de kostbare en hemelsche vruchten van dit II. .Sacrament deelachtig temaken, wjj bidden U , verhoor ons.

ocr page 149

141

Dat hot U believe, ons in het uur dos doods met deze hemelsche teerspijs te versterken en te beschermen, wij bidden U , verhoor ons.

Zoon G ods, wij bidden U, verhoor ons. Lam Gods, dat de zonden der wereld

wegneemt, spaar ons , Heer. Lam Gods, dat de zonden der wereld

wegneemt, verhoor ons , Heer. Lam Gods, dat de zonden der wereld

wegneemt, ontferm U onzer, Heer. Heer, ontferm U onzer.

Christus , ontferm U onzer.

i Heer , ontferm U onzer.

Christus , hoor ons.

Christus, verhoor ons.

On zo Vader , enz.

UEBEl).

O God, die ons onder dit wonderbare Sacrament de gedachtenis van uw lijden hebt nagelaten, wij bidden U , geef dat wij do heilige geheimen vau uw Lichaam en Bloed zoo eerbiedig eeren, dat wij de vrucht uwer verlossing gedurig in ons mogen gevoelen : die met den Vader in de eenheid des H. Geestes loeft en heerscht, God in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

ocr page 150

142

Mijn Heere Jesus Christus, die door de liefde, welke Gij ons menschen toedraagt, nacht en dag in dit Sacrament verblijf houdt, en vol goedheid en liefde afwacht, tot U roept en ontvangt al wie naderen om L' te bezoeken, ik geloof uwe goddelijke tegenwoordigheid in liet H. Altaar-sacra-ment, ik aanbid U uit den afgrond van mijn niet, ik dank ü voor alle genade, mij door U geschonken, en wel in het bijzonder, dat Gij U zeiven aan mij hebt gegeven in dit Sacrament, dat Gij mij uwe allerheiligste Moeder Maria tot Voorspreekster hebt gegeven en dat Gjj mij hebt geroepen om U in deze kerk te bezoeken.

Ik groet op dit oogenblik uw liefdevol ilart, en ik stel mij voor het te groeten met een drievoudig doel: op de eerste plaats tot dankzegging voor dit groote geschenk; op de tweede plaats, om U schadeloos te stellen voor alle beleedi-gingen, die gij van alle uwe vijanden in dit Sacrament hebt ontvangen; op de derde plaats stel ik mij met dit bezoek voor, U te aanbidden op alle plaatsen der aarde, waar Gij in het H. Sacrament minder vereering en meer verlatenheid ondervindt.

Mijn Jesus, ik bemin U uit geheel mijn hart. liet smart mij aan uwe on-

ocr page 151

143

eindige goedheid in het verleden zoo dikwijls te hebben mishaagd. Met de hulp uwer genade neem ik mij voor, U in de toekomst niet meer te beloedigon; en voor liet oogenblik, hoe ellendig ik ook zij, wijd ik mij geheel aan U toe ; ik schenk U de volle beschikking over mijn wil, mijne gevoelens , mijne verlangens en alles wat het mijne is. Doe van dit oogenblik af met mij en het mijne al wat U behaagt. Ik vraag en verlang van U alleen uwe heilige liefde , de volharding tot het einde en de volmaakte vervulling van uwen H. Wil. Ik bevoel U aan de zielen in het vagevuur, in het bijzonder die meer godsvrucht hebben gehad tot het Allerheiligste Sacrament en de Allerheiligste Maagd Maria. Xog beveel ik U alle arme zondaars aan.

Ten slotte , mijn dierbare Zaligmaker , vereenig ik alle mijne gevoelens met de gevoelens van uw liefdevol Hart, en ik bied ze, aldus vereenigd, aan uwen hemelschen Vader aan, wien ik in uwen naam smeek , dat hij ze ter uwer liefde aanvaarde en verhoore.

(Apaiit van 300 dagen roor lederen keer, Pins IX 7 September 1854).

ocr page 152

144

Heer , God almachtig , zie mij kier voor U neergebogen, om in naam aller schepselen uwe Goddelijke Majesteit to verzoenen. Maar hoe dit te doen, daar ik zelf een ellendige, een zondaar ben Ü ja, ik kan, ik wil het, daar ik weet, dat Gij er roem op draagt, Vader van barmhartigheid te worden genoemd, daar Gij ons ter liefde zelfs uwen eeniggeboren Zoon hebt gegeven , die zich voor ons op liet kruis heeft geslachtofferd, en voortdurend op onze altaren het offer van zichzelf vernieuwt. En daarom verschijn ik . wel een zondaar , maar rouwmoedig , wol ellendig, maar rijk in Jesus Christus , voor uw aanschijn; en met de vurigheid van alle Engelen cn Heiligen, met de gevoelens van het onbevlekt Hart van .Maria, offer ik U in naam aller schepselen, do II.H. Missen, die in dit oogenblik worden opgedragen met allo degene, welke roods zijn opgedragen on tot aan hot einde dor wereld zullen worden opgedragen.

Ik neem mij voor deze opdracht ieder oogenblik van mijn levon te hernieuwon , om aan uwe oneindige Majesteit eene oer en glorie Haar waardig te geven, om uwen toorn te bevredigen en te voldoen

ocr page 153

145

iiaii uwe rechtvaardigheid voor onze zoo menigvuldige zonden, om U behoorlijken dank te brengen voor uwe weldaden , en uwe barmhartigheid af te smeeken over mij en over alle zondaren, over alle ge-loovigen, zoo levende als afgestorvene, over geheel de Kerk en bijzonder over haar zichtbaar Opperhoofd, den Paus van Rome, en ten slotte ook over de ongelukkige scheurmakers, ketters en oiigeloovigen , opdat ook deze zich mogen bekeereu en zalig worden.

{Aflaat van 3 jaren, eens per day, Pius IX 11 April 1860.)

►p Eeuwige Vader, wij dragen U op het allerkostbaarst Bloed van Jesus, met zoo groote liefde eu smart voor ons vergoten uit de wonde zijner rechterhand, en dooide verdiensten en do kracht van dat Bloed smeeken wij uwe goddelijke Majesteit, ons uwen heiligen zegen te verleenen, opdat wij door de kracht er van beschutting mogen vinden tegen onze vijanden en bevrijding van alle rampen, zeggende: „I)e zegen van den Almaclitigen God, den

10

ocr page 154

146

Vader, en den Zoon en deu H. Geest kome OTer ons en blijve altijd bij ons.

Onze Vader. - quot;Wees gegroet. Glorie zij den Vader.

{Aflaat oun 100 dayeii, telkens, Leo XII ^5 October 1833.)

Heer, almachtige God, ik bid U door het kostbaar Bloed , dat uit de zijde van uwen Goddelijken Zoon vloeide in de tegenwoordigheid eu tot de grootste smart zijner allerheiligste Moeder, verlos toch de in het vagevuur lijdende zielen , bij-zonder die, welke deze groote Vrouwe en Koningin het meest vereerden , opdat zij spoedig in uwe heerlijkheid U in Maria en Maria in ü loven en prijzen mogen in eeuwigheid. Amen.

Onze Vader. - Wees gegroet. Glorie zjj den Vader.

(Aflaat van 100 duf/en , een* per tlalt;j , Leo XII 18 November JSrJO.quot;)

Ik aanbid U, vleesch geworden Woord, waarlijk de Zoou Gods van alle eeuwigheid,

ocr page 155

147

on waarlijk de Zoon der Maagd Maria in de volheid der tijden. Terwijl ik uwen goddelijken Persoon aanbid en de Mensch-heid, die daarmede vereenigd is, voel ik mjj gedrongen ook de arme kribbe te vereeren, die U als kind opnam, en in waarheid de eerste troon uwer liefde was. Mocht het mij gegeven zijn, mij voor haar neder te werpen, met de liefde van Maria! Mocht het mij zijn gegeven, mij voor haar neer te werpen om een zoo kostbaar gedenkstuk onzer zaligheid te aanbidden , met dienzelfden geest van versterving, armoede en nederigheid , waarmede Gij , hoewel de Heer van hemel en aarde, eene kribbe tot rustplaats uwer ledematen hebt uitverkoren !

En (iij, o Heer, die U hebt gewaardigd als een klein kind in die kribbe neder te liggen, gewaardig U ook in mijn h;rt een enkelen druppel te storten van die vreugde, welke èn de aanschouwing uwer beminnelijke kindsheid , èn de wondertee-kenen, die uwe geboorte vergezelden, moesten opwekken; door welke ik U bezweer aan geheel de wereld, tegelijk met een goeden wil , den vrede te schenken , en in naam van geheel het menschelijk

ocr page 156

148

geslacht allen dank en alle glorie aan te bieden aan den Vader en den H. Geest, die met U één God leeft en heerseht in de eeuwen der eeuwen. Amen.

(Aflaat van KK! iluyen , eens jifr (hii/ , l'ins JX I October 1861.)

Zie neder, o Heer en Heilige Vader, van uit uw Heiligdom en van uit de verhevene woonplaats der hemelen, en aanschouw deze hoogheilige Offerande, die onze Hoogepriester, uw Heilige Zoon , onze Heer Jesus, U opdraagt voor de zonden zijner broeders; en stil uwe gramschap over onze veelvuldige boosheden. Zie, de stem van hot Bloed van onzen broeder Jesus roept tot U van het kruis af. Verhoor die stem , o Heer, laat U verzoenen, o Heer, wees indachtig en doe ons barmhartigheid : toef toch niet, miiii God; uwe eigene glorie is er mede gemoeid; want uw naam is aangeroepen over deze stad en over uw volk; en doe met ons overeenkomstig uwe barmhartigheid. Amen.

Dat Gij ü gewaardigt deze stad te

ocr page 157

14»

2

vcrdedigeu, haar den vrede te selienkeu, liaar te bewaken, te behonden en te zegenen,

Wij bidden U , verhoor ons.

(Aflaat van 100 dagen , eens igt;rr (Iwj , J'ius IX 4 Febr. 1877.)

AkU-ii van Aaithiddinsi;.

Wij aanbidden en loven U, Christus, omdat Gij door uw heilig- kruis de wereld verlost hebt.

Ik aanbid U, henielsche Vader, en bedank U voor de eindelooze liefde, waarmede Gij U hebt gewaardigd uwen eenig-geboreu Zoon af te vaardigen, om mij vrij te koopen en ziehzelven te geven tot spijs mijner ziel. Ik draag U alle akten van aanbidding en dankzegging op, die de Engelen en Heiligen in den hemel en de rechtvaardige zielen op aarde U aanbieden.

Ik loof, bemin en dank U met al den lof, de liefde en dankzegging, waarmede Gij geloofd, bemind en gedankt wordt door uwen goddelijken Zoon zelf in dit H. Sacrament, en ik smeek U te maken, dat Hij door allen worde erkend, bemind,

ocr page 158

150

vereerd, bedankt en waardig ontvangen in dit allergoddelijkst Sacrament.

Onze Vader. - Wees gegroet, üloi ie zij deu Vader.

Ik aanbid U, eeuwige Zoon Gods, en ik dank U om de eindelooze liefde, waarmede- Gij voor mij zijt mensch geworden, geboren in een stal, opgevoed in eene werkplaats, waarmede Gij honger, dorst, koude , liitte , pijnen , vermoeienis , versmading , vervolging, geeselslagen, door-uon, nagels en eindelijk den dood op het harde kruishout hebt verduurd. Ik dank U met geheel de strijdende en zegevierende Kerk voor de eindelooze liefde, waarmede Gij hot Allerheiligste Altaar-sacrament tot spijze mijner ziel hebt ingesteld. Jk aanbid U in alle de geconsacreerde hosties der geheele wereld, en ik breng U dank ook voor hen, die U niet kennen en niet danken. Ik zou wenschen miju leven te kunnen geven , om te bewerken, dat Gij door allen wordt gekend, bemind en vereerd in dit Sacrament van liefde, en om de oneerbiedigheden en heiligschennissen, die gepleegd worden te verhinderen.

Ik bemin ü, mijn Jesus, en wensch U te beminnen en te ontvangen met de

ocr page 159

151

liefde, de reinheid en de heilige gevoelens uwer allerheiligste Moedor, met de liefde en volmaaktheid van uw allerzuiverst Hart zelf. O beminnelijke Bruidegom mijner ziel, wrocht, wanneer Grij in dit H. Sacrament tot mij komt, in mij die uitwerkselen , waarvoor Gij tot haar komt, en laat mij eer sterven, dan dat ik U onwaardig zou ontvangen.

Wees gegroet. Glorie

Onze Vader.

zij den Vader.

Ik aanbid U, eeuwige II. Geest, en ik bedank U voor de eiudelooze liefde, waarmede Gij het onuitsprekelijk geheim der menschwording hebt gewrocht, en voor die oneindige liefde , waarmede Gij uit het allerreinste bloed der Maagd Maria liet allerheiligste Lichaam van Jesus hebt gevormd , om het later in het H. Altaarsacrament tot spijze mijner ziel te geven. Ik smeek U, mijn verstand te verlichten en mijn hart, tegelijk met dat van alle andere menschen , te zuiveren , om deze groote liefdegift te kennen en het Allerheiligst Sacrament waardig te ontvangen.

Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader.

Aanbidden wij dan, smeekend neer-

ocr page 160

152

gebogen, dit zoo verheven Sacrament; de eeredienst der oude wijke voor dien der nieuwe Wet; liet geloof vuile de onmacht der zintuigen aan.

Lof en jubelzang, zaligheid, eer, kracht en zegening zij den Vader en den Zoon , en gelijke hulde aan den H. Geest, die van beiden voortkomt. Amen.

ft. Gij hebt hun een brood uit den hemel gegeven.

ij.-. Dat alle verkwikking in zich bevat.

LAAT OXS BIDDEN.

O God , die ons in dit wondervol Sacrament de gedachtenis van uw lijden hebt achtergelaten ; geef, bidden wij LT , dat wij de heilige geheimen van uw Lichaam en Bloed zóó mogen voreeren, dat wij de vrucht uwer Verlossing voortdurend in ons ondervinden. Die leeft en heerscht door de eeuwen der eeuwen. Amen.

(A flaat van 100 dagen , eens per dat/ , Pius VI 17 October 1796.)

Aanbidding' en Kercbocfc.

I. Ik aanbid U met diepen eerbied, o mijn Jesus, verborgen in het H. Sacra-

ocr page 161

153

mout; ik erken U voor waarachtig God en waarachtig mensch, en met dezo akte Tan aanbidding stel ik mij voor, te voldoen voor de koelheid van zoovele christenen, die, wanneer zij uwe H.H. Tempels, en soms zelfs de H. Ciborie voorbijgaan, waarin Gij U gewaardigt al den tijd te verblijven , met een liefderijk ongeduld U aan uwe geloovigen mede to deelen, U zelfs niet groeten, en zich door hunne onverschilligheid gelijk de Joden in de woestijn, van het hemelsch manna af keerig toonen, en ik bied U aan het allerkostbaarst Bloed , dat Gij hebt vergoten uit do Wonde van uw linkervoet, tot eerherstel van eene zoo verregaande lauwheid; en met mijn geest binnen die Wonde verscholen, herhaal ik duizenden en duizenden malen : Ieder oogenblik zij liet allerheiligste en allergoddelijkste Sacrament geprezen en gedankt.

Onze Vader. - Wees gegroet. Glorie zij den Vader.

II. Ik aanbid U met diepen eerbied , o mijn Jesus ; ik erken uwe waarachtige tegenwoordigheid in het Allerheiligste Sacrament, en met deze akte van aanbidding stel ik mij voor, te voldoen voor do mis-

ocr page 162

151

kenning van zoovele christenen, die, wanneer zij U naar de arme zieken zien dragen , om hun steun uit te maken op de groote reis naar de eeuwigheid, U zonder begeleiding laten, en U te nanwer-nood eene akte van uitwendige aanbidding waardig keuren : ik bied U liet allerkostbaarst Bloed, dat Gij hebt vergoten uit de Wonde van uw rechtervoet, tot eerherstel v.m eene zoo verregaande koelheid, en met mijn geest binnen die Wonde verscholen , herhaal ik duizenden en duizenden malen : leder oogenblik zij het allerheiligste en allergoddelijkste Sacrament geprezen en gedankt.

Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader.

lil. Ik aanbid U met diepen eerbied, o mijn Jesus, waarachtig Brood des eeuwigen levens , en met deze aanbidding stel ik mij voor, de zoo groote droefheid te verzachten, die uw Hart dagelijks lijdt door de ontheiliging der kerken, waar Gij U gewaardigt onder de sacramenteele gedaanten te verblijven , om door uwe geloovigen te worden aangebeden en bemind. Tot eerherstel van zooveel oneerbiedigheid, bied ik U aan het allerkostbaarst

ocr page 163

155

Bloed, dat Gij hebt vergoten uit do Wonde van uwe linkerhand, en met mijn geest daar binnen verscholen, herhaal ik: lodcr oogenblik zij hot allerheiligste en allergod-delijkste Sacrament geprezen en gedankt.

Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader.

IV. Ik aanbid U met diepen eerbied , o mijn Jesus, levend Brood uit den hemel nedergedaald , en met deze akte van aanbidding stel ik mij voor, te voldoen voor zoo talrijke en zoo groote oneerbiedigheden, die door uwe geloovigen dagelijks worden gepleegd bij het bijwonen der H. Mis, waarin Gij door overmaat van liefde op onbloedige wijze hetzelfde Offer vernieuwt, dat Gij voor onze zaligheid weleer op den Calvarieberg hebt voltrokken: tot eerhorstel van zooveel ondankbaarheid bied ik U aan het allerkostbaarst Bloed , dat Gij hebt vergoten uit do Wonde van uwe rechterhand , en daar binnen verscholen , vereenig ik mijne stom met die der Engelen , welke U eerbiedig omringen, en tegelijk met hen zeg ik: leder oogenblik zij het allerhoogste en allergoddeljjkste Sacrament geprezen en gedankt.

Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader,

ocr page 164

158

V'. Ik iuiuliicl U met diepen eerbied, o mijn .iesus, waarachtig zoenoffer onzer zonden, en ik bied TJ deze akte van aanbidding aan, ter vergoeding voor do smartelijke heiligschennissen, die Gij ontvangt van zoovele ondankbare christenen, die de vermetelheid hebben aan de 11. Tafel te gaan zitten, om met doodzonde in het hart U daar te ontvangen. Tot eerherstel van deze zoo afschuwelijke lieiligschennisssen, bied ik U aan de laatste druppels van uw allerkostbaarst iUoed, die Gij hebt vergoten uit de Wonde uwer zijde, en daar binnen verscholen, aanbid, zegen en bemin ik U , en herhaal tegelijk met alle zielen, dio het li. Sacrament met godsvrucht vereeren : leder oogenblik zij liet allerheiligste en allergoddelvjkste Sacrament geprezen en gedankt.

Onze Vader. — Wees gegroet. Glorie zij den Vader.

Aanbidden wij dan , smeekend neergebogen , dit zoo verheven Sacrament; de eeredienst der oude wijke voor dien der nieuwe Wet; het geloof vuile do onmacht der zintuigen aan.

Lof en jubelzang, zaligheid, eer, kracht en zegening zjj den Vader en den Zoon ,

ocr page 165

157

on gelijke hulde aan den 11. üeest, die van beiden Toortkomt. Amen.

X'. Gij liebt hun eon brood uit den hemel gegeven.

R'. ])iit alle verkwikking in zich bevat.

LAAT ONS lilLIDUN.

O (iod, die ons in dit wondervol Sacrament de gedachtenis van uw lijden hebt achtergelaten ; geef, bidden wij U , dat wij de heilige geheimen van uw Lichaam en Bloed zóó mogen vereeren. dat wjj de vrucht uwer Verlossing voortdurend in ons ondervinden. Die leeft en heerscht door de eeuwen der eeuwen. Amen. {Aflaat van SOI) (lut/cn, iedcreu A'eer, 1 l'ius VI r 2(j Augustus 1814.)

•ge- i de I der | icht 1

l'ïci'eboctc.

Mot dien diepen eerbied, welke hot Geloof mij ingeeft, o mijn God en Zaligmaker, Jcsus Christus, waarlijk God en waarlijk Mensch, bemin ik U uit geheel mijn hart en aanbid ik U , verscholen in liet hoogheilig Sacrament des Altaars, tot eerherstelling van alle oneerbiedigheden, ontheiliging eu heiligschennissen, die ik

ocr page 166

158

tot mijn ongeluk ooit niuulit hebben gepleegd , alsook van die allen , welke gepleegd zijn door anderen, en voor liet vervolg maar al te dikwijls zullen worden gepleegd. Ik aanbid U dan, o mijn God, wel niet gelijk Gij waardig zijt te worden aangebeden, nooh gelijk ik verplicht ben U te aanbidden, maar ten minste gelijl; ik het vermag on het zou willen vermogen, met alle volmaaktheid, waarvoor alle redelijke schepselen vatbaar zijn. Ondertusschen neem ik mij voor U nu en altijd te aanbidden, niet alleen in de plaats van die Katholieken, welke ü niet aanbidden en beminnen, maar ook nog voor de bekeering van alle ketters, schismatieken, Ma-homedanen, Joden, afgodendienaars en slechte christenen. Ach ja , mijn Jesus, moogt Gij in het allerheiligst en aller-goddelijkst Sacrament, ieder oogenblik door allen worden gekend, aanbeden en gedankt! Amen.

Ik aanbid U ietier oogenbiik.

O levend Brood des hemels, verheven Sacrament.

ocr page 167

159

0 Jesus, o Mart van Marin, U smeek ik mijne ziel te zegenen.

0 allerheiligste Jesus, mijn Zaligmaker, aan U geef ik mijn hart.

{Aflaat van 2lt;)lt;) dagen, lederen lever dat men deze Eerehoete en Schietyeheden hidt, lJiiis VTI 31 Januari 1815.

(lEUHI).

Ziedaar, geliefde Jesus, hoever uwe bovenmatige liefde is gegaan. Om U geheel aau mij te schenken, hebt Gij mij van uw Vleoseii en uw allerkostbaarst Bloed een goddelijkon maaltijd aangericht. Wie toch heeft l' tot zulke vervoering van liefde gebrachtNiemand anders voorzeker dan uw liefdevol Hart. O aanbiddelijk Hart van mijnen Jesus, brandend fornuis der goddelijke liefde, ontvang mijne ziel in uwe allerheiligste Wonde, opdat ik in die school van liefde den God leere weder beminnen, die mij zoo wondervolle bewijzen zijner liefde schonk. Amen.

{Aflaat ran 100 dagen, een* /x-j' dat/, Pius Vil 9 Februari 1818.)

ocr page 168

160 (lUiiEi).

Wees altijd cu voor eeuwig gedankt en gezegend, mijn dierbare Jesus, verborgen in het II. Sacrament; liefde, allo liemel-sche en aardsclie liefde over waardig, die U door overmaat van liefde voor mij, ondankbaren zondaar, bekleed hebt met onze menschelijke natuur, bij de smartelijke geeseling uw allerkostbaarst Bloed hebt vergoten en voor ons aller zaligheid zijt gestorven op hot smadelijk kruis.

Door een levendig geloof voorgelicht smeek ik U thans met al den aandrang mijner ziel, met al den gloed van mijn hart, allernederigst door do oneindige verdiensten van uw smartelijk lijden, mij kracht en moed te schenken, om alle booze driften, die mijn hart beheerschen, ten ouder te brengen, om ü te zegenen in injjue bitterste kwellingen, om U te verheerlijken dooi' de volmaakte vervulling van alle mijne plichten, om elke zoude met den grootsten afschuw te haten en mij ten slotte te heiligen.

[Aflaat can 100 dagen, mieren li-eer, Pi us IX 1 Januari 186ü.)

ocr page 169

OKBKDFA TEK EBRE VAN DE ALLERUEILIGSTE MAAGD MARIA.

Litanie van dc Heilige Moeder Gods.

Heer , ontferm ü onzer.

Christus, ontferm U onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God , hemelsche Vader , ontferm U onzer. God Zoon , Verlosser der wereld, ontferm U onzer.

11

ocr page 170

162

God H. Geest, ontferm U onzer.

H. Drievuldigheid, één God, ontf. U onzer.

H. Maria, bid voor ons.

H. Moeder Gods,

H. Maagd der maagden,

Moeder van Christus ,

Moeder der goddelijke genade ,

Allerreinste Moeder,

Allerzuiverste Moeder,

Ongeschonden Moeder,

Onbevlekte Moeder,

Minnelijke Moeder,

Wonderlijke Moeder, o-

Moeder des Scheppers , £

Moeder des Zaligmakers, lt;

Allervoorzichtigste Maagd, o

Eerwaardige Maagd , 0

Lofwaardige Maagd, g

Machtige Maagd ,

Goedertierene Maagd ,

Getrouwe Maagd,

Spiegel der rechtvaardigheid ,

.Stoel der wijsheid ,

Oorzaak onzer blijdschap,

Geestelijk vat,

Eerwaardig vat,

Uitmuntend vat van godsvrucht,

Geheimzinnige roos,

ocr page 171

163

Toren van David , bid voor ons.

Ivoren toren,

G ulden huis,

Ark des verbonds,

Deur des Hemels,

Morgenster,

Behoudenis der kranken,

Toevlucht der zondaren,

Troosteres der bedrukten , er

Hulp der Christenen , ^

Koningin der Engelen , g

Koningin der Patriarchen , §

Koningin der Profeten , o

Koningin der Apostelen , p

Koningin der Martelaren,

Koningin der Belijders,

Koningin der Maagden,

Koningin van alle Heiligen,

Koningin zonder erfsmet ontvangen, Koningin van den allerheiligsten Rozenkrans ,

Lam Gods, dat wegneemt de zonden dei-

wereld , spaar ons , Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden dei-

wereld , verhoor ons Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zondon dei-

wereld , ontferm U onzer.

Heer, ontferm U onzer.

ocr page 172

164

Christus, ontferm U onzev.

Heer , ontferm U onzer.

Onze Vader , enz.

Ant. Onder uwe bescherming nemen wjj onze toevlucht, o Heilige Moeder Gods ! verstoot onze gebeden niet in onzen nood, maar verlos ons altijd van alle gevaren, o roemvolle en gezegende Maagd. Onze Vrouw! onze Middelares! onze Voorspreekster ! verzoen ons met uwen Zoon, vertoon ons aan uwen Zoon , beveel ons aan uwen Zoon.

V. Bid voor ons, H. Moeder Gods, R- Opdat wij waardig worden der beloften van Christus.

J.AAT ONS BIDDEN.

O Heer God ! wij smeeken U , verleen ons , uwe dienaren en dienaressen, voortdurende welvaart naar ziel en lichaam , opdat wij door de zalige voorspraak der roemvolle Maagd Maria mogen verlost worden van do tegenwoordige droefheid en do eeuwige vreugde genieten. Door Christus onzen Heer. Amen.

{Aflaat van 100 dagen, telken keer. I'ius VII , 30 September 1817).

ocr page 173

165

Ueltcd van den II. licrnai-dii».

Gedenk, o allergeuadigste Maagd Maria, dat het nooit gehoord is, dat iemand, dio tot ü zijne toevlucht nam, uw bijstand verzocht of uwe voorspraak inriep, door U verlaten is geworden. Aangemoedigd door dit vertrouwen , kom ik tot U , o Maagd der Maagden, mijne Moeder, en zuchtende onder het gewicht mijner zonden , snol ik tot U; versmaad mijne woorden toch niet, o Moeder der Woords , maar aanhoor ze goedgunstig en verhoor ze. Amen.

{Aflaat van 300 dayen, telkens. Pius IX, 35 Juli 1846).

(•ulicd van den H. Vader Fraiifisciis, om zicli onder de besclierming der Allerheiligste Maagd te stellen.

Heilige Maagd Maria! mijne geleidster, mijne meesteres, ik kom mij in den schoot uwer barmhartigheid werpen, en mijne ziel en mijn lichaam van dit oogenblik af en voor altijd onder uwe bewaring en bijzondere bescherming stellen. Ik vertrouw op U eu stel tusschen uwe handen al mijne hoop eu mijn troost, al mijne pijnen on

ocr page 174

166

sniiirteii , nijju leven en deszelfs einde, opdat door uwe heilige voorspraak en door uwe verdiensten, al mijne werken volgens uwen wil en dien van uw Zoon geschikt worden. Amen.

(i KBED.

Allerheiligste, onbevlekte Maagd, mijne Moeder Maria, tot U, die de Moeder van mijnen God zijt, de Koningin der wereld, de Voorspreekster, de Hoop, de toevlucht der zondaren, neem ik, de ellendigste onder allen, op dit oogenblik mijne toevlucht. Ik vereer U, o groote Koningin, en ik bedank U voor alle mij tot hiertoe geschonken genaden, in het bijzonder. dat Gij mij hebt bevrijd van de hel, zoo herhaaldelijk door mij verdiend. -

Ik bemin U , mijne allerbeminnelijkste Meesteres, en bij de liefde, die ik U toedraag, beloof ik, U altijd te willen dienen, en al mijn best te doen, dat Gij ook door de andere menschen wordt bemind.

Ik stel op U al mijne hoop, al mijn behoud; neem mij aan voor uwen dienaar, en verberg mij onder uwen mantel, Gij , Moeder van barmhartigheid. En daar Gij zoo vermogend zijt bij God, bevrijd mij

ocr page 175

167

véiu alle bekoringen , of verwerf mij ten minste de kracht, die tot aan mijn dooil toe te overwinnen. Van ü vraag ik eene ware liefde tot Jesus Christus. Van ü verhoop ik een zaligen dood. O mijne Moeder, bij de liefde, die Gij God toedraagt , bid ik U mij altijd bij te staan , maar meer bijzonder in mijn stervensuur. Verlaat mij niet, tot zoolang Gij mij behouden in den hemel ziet, om daar, geheel de eeuwigheid door, U te zegenen en uwe barmhartigheden te zingen. Zoo hoop ik, zoo zij het!

(Ken aflaat can 300 dagen, telken* als men dit (jehed voor een beeld der Allerh. Maagd hult. Fins IX, 7 September 1854.)

CiEBEl).

O alleruitmuntendste, allerglorierijkste en allerheiligste, altijd ongeschondeno Maagd Maria, Moeder van onzen Heer Jesus Christus, Koningin der wereld en lieer-seheres over alle schepselen, die niemand verlaat, niemand versmaadt, niemand , die met een zuiver en nederig hart tot (J zijne toevlucht neemt, ongetroost wegzendt, versmaad mij toch niet om mijne tallooze

ocr page 176

168

en zware zouden, verlaat mij niet om mijne al te groote ongerechtigheden, noch ook wegens de verhardheid en de onreinheid mijns harten; verwerp mij, uw dienaar , niet uit uwe gunst en uwe liefde.

Verhoor mij , ellendigen zondaar, die op uwe barmhartigheid en goedheid vertrouwt, kom mij te hulp, liefderijke Maagd Maria, in alle mijne kwellingen, benauwdheden en behoeften, en verkrijg mij van uwen lieven Zoon, den almachtigen God en onzen lieer Jesus Christus, vergiffenis en kwijtschelding van .alle mijne zonden , de genade van heilige vrees en liefde voor U; gezondheid en kuischheid des Hcliaams, en bevrijding van alle rampen en gevaren naar ziel en lichaam. Wees mij in het stervensuur eene liefdevolle Helpster, bevrijd mijne ziel en de zielen van al mijne bloedverwanten, broeders, zusters en vrienden, naastbestaanden en weldoeners , en van alle, zoo levende als ontslapene geloovigen, van de eeuwige duisternis en van alle kwaad door de hulp van Hem, dien Gij negen maanden in uwen allerheiligsten schoot hebt gedragen, en met uwe heilige handen in de Kribbe hebt neergelegd, uwen Zoon, onzen Heer

ocr page 177

169

■Jesus Christus, tlio gezegend is door do eeuwen der eeuwen. Amen.

(Aflaat van 100 dagen , eens per day. Leo XII, 30 Januari 1838.)

O Hart van Maria, Moeder van God en ook onze Moeder, allerbeminnelijkst Hart, voorwerp van het welbehagen der aanbiddelijke Drievuldigheid, alle ver-eering en teederheid der engelen en menschen overwaardig. Hart, het meest gelijkvormig aan dat van Jesus, waarvan Gij het volmaaktste evenbeeld zjjt, Hart, vol goedheid en vol medelijden jegens onze ellenden, gewaardig U het ijs onzer harten te ontdooien; en maak dat zij zich geheel en al vasthechten aan dat van Onzen Goddelijken Verlosser. Stort er de liefde tot uwe deugden in, ontvlam ze door dat heilig vuur, waarvan Gij zonder ophouden brandt.

Besluit in U de H. Kerk, bewaar haar, wees haar immer eene zoete wijkplaats en haar onneembare toren tegen olkeu stormloop harer vijanden. Wees onze weg om tot J esus te gaan, en het kanaal ,

ocr page 178

170

waardoor wij allo genaden outvangou, tot onze zaligheid noodzakelijk. Wees onze toevlucht in den nood , onze verlichting in de verdrukking, onze versterking in de bekoringen, onze schuilplaats in de vervolging, onze hulp in alle gevaren, maar bijzonder in den laatsten strijd van ons leven, in ons stervensuur, wanneer de gansche hel zich tegen ons zal ontketenen , om ons onze ziel te ontrooven in dat verschrikkelijk uur, in dat vreoselijk oogenblik, waarvan onze eeuwigheid afhangt. Ach! laat ons dan , o genadigste Maagd, de zoetheid van uw moederhart ondervinden, en de kracht van uw vermogen op Jesus' Hart, door ons in de bron der barmhartigheid zelf eene veilige schuilplaats te openen, vanwaar wij er toe kunnen komen Het met U in den hemel te zegenen door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Wees gegroet, eerbiedwaardige Vrede-koningin , allerheiligste Moeder van God: bewerk door het allerheiligste Hart van uwen Zoon Jesus, den Vorst des Vredes, dat zijne gramschap bedara en Hij in vrede

ocr page 179

171

over ons hecrsehc. Gedeuk, o allergc-uadigste Maagd Maria, ouzo zwakheden en ellenden , en sta ons door uwe machtige bescherming al de dagen van ons leven bij.

O allerheiligste Maagd Maria, wie is in staat U naar waarde te danken en te loven, die door uwe geheel eenige toestemming der verlorene wereld te hulp zijt gekomen. Welken lof kan het zwakke men-schelijk geslacht brengen aan U, die alleen door uw 3 tusschenkomst ons het leven en de zaligheid hebt doen herwinnen ? Aanvaard dan onzen dank , hoe onbeduidend en hoe weinig evenredig aan uwe verdiensten hij ook moge zijn , en wanneer gij onze wenschen hebt aanvaard, verontschuldig onze schulden door uw gebed. Laat onze gebeden in het heiligdom der verhooring binnendringen en breng ons het tegengif van verzoening vandaar weder. Dat de onvolmaaktheid van hetgeen wij door U aanbieden om U verschooning vinde, en dat wij verwerven wat wij met vertrouwen vragen.

Aanvaard wat wij U aanbieden, scheuk

ocr page 180

U2

ons terug wat wij U vragen, verontschuldig dat, waarvoor wij vreezen , omdat Gij de hoop zijt der zondaren. Door U verhopen wij vergiffenis onzer misdaden, en op U, allerzaligste Maagd , berust onze verwachting op belooning. Heilige Maria, help de ongelukkigen, steun de kleinmoedigen, vertroost de bedroefden, bid voor het volk , smeek voor de geestelijkheid. Wees de Voorspreekster van het godvruchtig vrouwelijk geslacht; mogen eindelijk allen, die uwe heilige gedachtenis vieren, uwe machtige hulp ondervinden. Xeem onze beden bereidwillig aan en schenk ons de gewenschte verhooring. Dat het uwe aanhoudende zorg zij te bidden voor het volk Gods, o Gij gezegende, die waardig zijt bevonden in uwen schoot te dragen den Verlosser der wereld, die leeft en heerscht door de eeuwen der eeuwen. Amen.

{Aflaat ran ■')lt;gt; dut/cn telkens, i'ius IX, 1!) Mei 1854).

(iEKEII.

Allerheiligste Maagd en Moeder Gods Maria, zekere toevlucht der zondaren.

ocr page 181

173

tot U, die na God onze troost en onze hoop zijt in dit ballingsoord, wend ik mij, hoezeer uwe bescherming ook onwaardig, met een innerlijk vertrouwen.

Van den eenen kant erken ik de uiterste behoefte , die ik ondervind , mij oprecht te bekoeren, van den anderen word ik ontmoedigd door de vreeselijke zwaarte mijner zonden.

Ik neem derhalve mijne toevlucht tot U , die onze opperste Middelares zjjt bij uwen lieven Zoon Jesus, geljjk Deze onze Middelaar is bjj zijn hemelschen Vader. Mijne bekeering moet, na Jesus , geheel uw werk zijn. Ge waardig U dan. Moeder van barmhartigheid , mij de genade te verkrijgen eener volmaakte en duurzame bekeering.

Ik wil rajjn leven tot eiken prijs veranderen. Mijn wil is oprecht, maar mijne kwade gewoonte en het misbruik tot hiertoe gemaakt vau zoovele heilzame inspraken en genaden , het aantal en het vreeselijk gewicht mijner zonden, en de banden, die mij aan de wereld hechten, maken de zaak moeilijk en vorderen , ondanks mijne onwaardigheid, een geheel bijzonderen steun ; ik verhoop dien van ü, weiger mij zulks

ocr page 182

174

niet; maar al te zeer heb ik de eeuwigequot; vlammen verdiend, doch ik werp mij vol droefheid en berouw aan uwe voeten.

Ik beken het, door mijne ongerechtigheden heb ik de goddelijke genade, het aangenomen kindschap Gods, en het recht op de eeuwige zaligheid verloren, en integendeel den toorn des hemels opgewekt. Zeg mij , wat ik moet doen , om tot de vriendschap van uwen Zoon Jesus terug te keeren; bid Hem voor mij , dat Hij , ter wille van zijn allerkostbaarst Bloed, van zijn bitter lijden en zijn harden kruisdood, zich gewaardige mij mijne zonden te vergeven; en gewis, Hij zal mij vergiffenis schenken. Zeg Hem, dat Gij mijne zaligheid verlangt, eu Hij zal mij zalig maken; maar wijl ik nog kan hervallen in de zonde eu het leven dei-genade verliezen in de vele gevaren , die mij omgeven , bescherm mij steeds en ik ben zeker dat ik zal zegevieren over mjjne vijanden, die het altijd op mijn verderf aanleggen. Verkrijg voor mij een levendig geloof, eene vaste hoop en eene brandende liefde, met alle andere deugden aan mijn staat eigen, de standvastigheid in het goede en de volharding tot het einde.

ocr page 183

175

Wees eindelijk mijne goede Moeder in mijne tegenwoordige loopbaan, en mijne bijzondere Beschermster in het nnr van mijnen dood , opdat ik moge behooren tot het getal van hen , tot wie uw goddelijke Zoon zal zeggen: Komt, gezegenden mijns Vaders, om bezit te nemen van mijn rijk. Amen.

{Aflaat van 100 day en, ecm per day. Leo XII, 30 Januari 1838.)

(iKDEl).

Allerheiligste Maagd, Moeder van het vleesch geworden Woord, Schatbewaarster der genaden, en toevlucht van ons , arme zondaren, wij vluchten met een levendig geloof tot uwe moederliefde en smeeken U om de genade, altijd den wil van God en van U te volbrengen. Wij leggen ons hart in uwe allerheiligste handen en vragen IJ om het behoud van onze ziel en van ons lichaam. Wij vertrouwen voorzeker dat Gij , onze liefdevolle Moeder, ons zult verhoeren, en bidden daarom met oen levendig geloof:

Driemaal Wees gegroet Maria, onz.

ocr page 184

176

LAAT ON'S BIDDENquot;.

Beveilig, wij bidden U, o Heer, door de voorspraak van de Zalige Maria, altijd Maagd, uwe dienaren, die zich in ootmoed des Harten voor U nederwerpen, tegen elke zwakheid, en neem hen tegen alle vijandelijke aanslagen goedertierenlijk in bescherming. . Door Christus onzen Heer. Amen.

{Aflaat can 100 dagen, eens per dag. Leo XII, 11 Augustus 1834).

O Maria , zonder zonde ontvangen, bid voor ons , die onze toevlucht tot U nemen. O Toevlucht der zondaren , o Moeder dei-stervenden , verlaat ons niet in het uur van onzen dood , maar verwerf ons eene volmaakte droefheid en vermorzeling des harten , de vergiffenis onzer zonden, het waardig ontvangen der Heilige Eeisspijze, en dat wij door het H. Sacrament des Oliesels mogen versterkt worden, opdat wij veilig verschijnen kunnen voor den troon van den rechtvaardigen , doch ook barmhartigen Rechter, onzen God en Verlosser. Amen.

{Aflaat can 100 dagen , eens per dag. Pius IX, 11 Maart 1857).

ocr page 185

177

Heilige Maagd en Moeder Gods Maria, draag deu hemelschen Vader het kostbaar Bloed van Jesus Christus op voor mijne ziel, voor de arme zielen in het Vagevunr, voor de behoeften der H. Kerk, voor de bekeeriug der zondaars en voor de geheele wereld.

Gezegend zij de heilige en onbevlekte Ontvangenis der Allerheiligste Maagd Maria.

(Aflaat can 100 dagen telkens. Fius VI, 21 November 1793).

Aau U, de maagdelijke Moeder, die door geene smet van schuld, noch van dadelijke, noch van erfzonde zijt bevlekt geworden, beveel en vertrouw ik de reinheid mijns harten toe.

{Aflaat van 300 day en telkens. J'ius IX, 36 November 1854).

O Maria, die zonder smet de wereld zjjt ingetreden , o, verwerf mij van God , dat ik ze zonder zonde moge verlaten.

{Aflaat van 100 dagen, eem per dag. Fius IX, 37 Maart 1863).

12

ocr page 186

^IIT.

LITANIE TER EERE VAX

DEN II. FIIA\'Cquot;IStUS VAN ASSISlE.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, ontferm U onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Christus , hoor ons.

Christus , verhoor ons.

God hemelsche Vader, die Franciscus tot uwen dienaar hebt uitgekozen, ontferm U onzer.

God Zoon, Verlosser der wereld, die Franciscus met de teekenen uwer heilige vijf Wonden hebt begunstigd , ontferm ü onzer.

God Heilige Geest, die Franciscus met vele hemelsche genaden hebt verrijkt, ontferm ü onzer.

Heilige Drievuldigheid, één God, die Franciscus in uwe heerlijkheid ontvangen hebt, ontferm U onzer.

H. Maria, zonder smet der erfzonden ontvangen, bid voor ons.

ocr page 187

17!)

11. Moeder Gods, bijzondere toevlucht van

Frauciscus, bid voor ons.

H. Maagd der maagden , patrones der

geheele orde van Frauciscus , Serafijnsche Vader Frauciscus, Allermiuzaamste Vader Frauciscus, Allergoedertierenste Vader Frauciscus, H. Frauciscus, navolger van Christus, levend afbeeldsel van deugekruistcn Jesus,

vader eu minnaar der armen, versmader der wereld ,

brandend fornuis tier goddelijke liefde, 5!

. spiegel van versterving en boet- quot; I vaardigheid, d

.2 verheven voorbeeld van ootmoedig- -=

1 he'ld ' § t geleider der dwalcnden , ?

~ steun der Heilige Kerk ,

ti. leeraar der gehoorzaamheid , S minnaar van den vrede, g glinsterende ster van uw vaderland, licht voor alle volkeren en geslachten ,

martelaar door begeerte,

tooubeeld van zuiverheid .

wonderbare prediker ,

ocr page 188

ISO

Heilige Fraiiciseus, overwinnaar der duivelen , bid voor ons.

ijveraar voor de voortplanting des

ge'oofs ,

dienaar der melaatschen ,

hulp der zieken ,

opwakker van dooden ,

bijstand dergenen, die uwe voor-j spraak verzoeken,

g die de heilige armoede tot uwe bruid _ hebt verkozen, Hl

g die, vol liefde voor de zaligheid -j; der zielen, hun behoud van Jesus § ^ hebt afgesmeekt,

.sc die over het lijden van Jesus niet c % hebt kunnen spreken zonder te ' M zuchten en te weenen,

die de teekenen der vijf Wouden vau Jesus in uw lichaam hebt ontvangen ,

die door de Engelen gediend en door hun gezangen in verrukking zijt gebracht,

Lam Gods , dat wegneemt de zonden dei-

wereld , spaar ons , Heer.

Lam Gods , dat wegneemt de zonden dei-

wereld , verhoor ons, Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden dei-wereld , ontferm U onzer.

ocr page 189

181

Christus . hooi' ons.

Christus, verhoor ons.

Bid voor ons, II. Vader Franciscus, u-. Opdat wij waardig worden der beloften van Christus.

LAAT OSS BIDDEN.

Wij bidden U , Heer Jesus Christus, verleen ons door de godvruchtige en ootmoedige voorspraak van onzen H. Vader Franciscus, in wiens lichaam Gij ü ge-waardigd hebt de teekenen van uw lijden te vernieuwen : dat wij gedurig de weldaden van uw heilig lijden ón uwe smarten in ons mogen geyoelen.

O God, die uwe Heilige Kerk door de verdiensten van den H. Franciscus met nieuwe kinderen vermeerdert, maak dat wij door zijne navolging de aardsche dingen versmaden, en in het genieten van hemelsche gaven ons altijd verblijden.

O Heer Jesus Christus, die, toen de wereld in liefde verflauwde, om onze harten te ontsteken , in het lichaam van den H. Vader Franciscus de teekenen van uw lijden hebt willen vernieuwen, vergun ons genadiglijk, dat wij door zijne verdiensten en gebeden ook waardige vruchten van boetvaardigheid voortbrengen.

ocr page 190

182

O God, Heilige Geest, door wiens voorzienigheid en bestuur de loop van ons leven wordt beschikt, help uwe dienaars, opdat wij , die met blijdschap de gedachtenis van den glorierijken Vader Franciscus houden, door zijne gebeden en verdiensten, de glorie van uwe goddelijke Majesteit eeuwig mogengenieten. Door JesusChristus onzon Heer, die met ü en den Vader leeft cn heerscht, waarachtig God in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Almogende en eeuwige God, die ü ge-waardigd hebt de reine ziel van onzen H. Vader Franciscus, uwen belijder, te voegen bij de Serafijnsche geesten: geef aan ons, zijne kinderen, dien geest van ootmoed , liefde en versterving, welke onzen H. Vader bezielde, opdat wij allen ijverig en krachtdadig mogen werken aan onze eigene heiligmaking , aan de vermeerdering dei-glorie van uwen goddelijken Zoon en aan de zaligheid der zielen. Dit bidden wij ü door de verdiensten van Jesus Christus, onzon Heer, die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. Amen.

ocr page 191

183

Gebed van flcii H. Franciseus voor het kruisbeeld in de kerk van den II. Dainianiis.

O groote en glorierijke God, mijn Heer Jesus Christus, ik bid U, verlicht de duisternissen van mijn verstand , geef mij een oprecht geloof, eene zekere en vaste hoop, en ook eeue volmaakte liefde; verleen mij, o Heer, dat ik U alzoo moge kennen, en alles volbrengen naar uwen heiligen wil. Amen.

Schietgebed van den II. Franciseiis.

Mijn God en mijn al !

(Aflaat van 50 dat/en, telkens. Leo XI11 4 Mei 1888.)

GEBEDEN ter eere der H. VIJF WONDEN

VAN 1)EN

SERAFIJN,SCHEN VADER FRANCISCUS.

(iebed om de ootmoedigheid.

H. Vader Franciseus, het voorbeeld van Jesus, die zich zoo diep vernederde dat Hij zelfs den schandelijken kruisdood wilde sterven, deed u den weg der vernedering volgaarne bewandelen.

ocr page 192

184

Mocht ook ik door uwe voorspraak van God bekomen de hoovaardigheid mijns harten te beteugelen , mij niet ijdel boven anderen te verheften, maar mij ootmoedig aan al mijne overheden te onderwerpen. Poe mij begrijpen dat ik niet waarlijk groot ben, wanneer de wereld mij hoogacht, maar dan veeleer, wanneer ik het ootmoedig en geduldig verdraag, dat ik door de menschen voorbijgegaan, miskend on vernederd word.

Onze Vader, Wees gegroet, enz.

Ocbeil om dc zellVeiioochenin^.

Boetvaardige Vader Franciscus, gij hebt in de reinste onschuld geleefd en toch u zclven zoo streng behandeld ; het was uw wensch deelgenoot te zijn in de smarten van Jesus, uw verlangen geheel aan Hem toe te behooren, en daarom hebt gij uw vleesch met zijne driften en begeerlijkheden gekruisigd ; ik , helaas , die zoo genegen ben tot de zonden, en zooveel kwaad bedreven heb, ik vrees mij in iets te versterven.

Door de heilige vijf Wonden, U van Godswege ingedrukt, smeek ik U , werp een blik van medelijden op mijne weeke-

ocr page 193

185

lijke traagheid, verkrijg mij de geuade mijne zonden uit te boeten, mijne zinnen te versterven, mijne driften te beteugelen en het lijden van dit leven geduldig te verdragen, ora alzoo mijn gekruisten Verlosser moedig te volgen op den weg der zelfverloochening en versterving.

Onze Vader, Wees gegroet enz.

GHted om de ontlieclifiiig; ami het

aardsrke.

Evangelische arme van Assisië , in den armen Godmensch hebt gij de hftoge waarde der armoede en der onthechting gezien. Jesus had op deze wereld voor troon een kribbe, voor paleis een stal, voor sterfbed een kruishout, en daarom hebt gij ook do grootste vrijwillige armoede als uw schat en erfdeel op aarde verkozen.

O arme en nederige Franciscus, die den hemel rijk zijt ingetreden, verwerf ons de genade niet ongeregeld verkleefd te zijn aan het aardsche, hetzelve niet onmatig na te jagen, de rechtvaardigheid nooit te krenken, de arme menschen bijzonder lief te hebben en bij te staan, en ook des noods de armoede geduldig te verdragen.

Onze Vader, Wees gegroet enz.

ocr page 194

186

«fbc.l om ile liefde tof (iolt;l.

Heilige Franciscus, om de vurige liefde tot God ook genoemd de Serafijn van Assisië, gij waart zoo menigmaal als verslonden in de overweging van Gods liefdedaden ; nu eens hebt gij uw God beschouwd zich over ons ontfermende en als kind nederdalende in de kribbe van Bethlehem, dan weder hebt gjj uwe oogen op een kruisbeeld gevestigd, en daar Gods liefde in bloedige letters beschreven gezien, of wel gij wierpt u neder voor het H. Sacrament, niet anders wenschende dan uit liefde voor die oneindige liefde uw leven ten offer te brengen.

O Serafijn van liefde, die voor God alles over had , hoe laf en traag ben ik in God te beminnen; mocht ik toch Gods heilige liefde nimmer door de doodzonde verliezen, mocht ik die liefde voortdurend vermeerderen door het ijverig onderhouden der geboden en het veelvuldig overwegen der oneindige goedheid des Heereu . die ons het eerste heeft liefgehad.

Onze Vader, Wees gegroet enz.

ocr page 195

187

lt;«flic(l om «It; liefde tot den evennaaste.

Jl. Fraaciscus, door het voorbeeld en de leering van Jesns onderwezen, hebt gij ook alles voor allen willen worden om allen zalig te maken. Gij hebt een arme niet kunnen afwijzen, het was uw genoegen de zieken, melaatsehen en lijdenden te verzorgen en te troosten ; om zielen te redden , voor welke Jesus zijn bioed gestort heeft, was U niets te veel en Gij hebt U herhaaldelijk naar de ongeloovi-gen begeven om ze zelfs door het otter van uw leven tot bekeering te brengen.

O heilige minnaar der zielen , verwerf mij eene ware liefde voor mijn evennaaste, dat ik in mijne woorden of handelwijze de liefde niet kwetse, maar door mijn gebed, verdraagzaamheid en stichtend voorbeeld hunne zielen redde en nooit voor iemand een oorzaak van zonden zij.

Onze Vader, Wees gegroet, enz.

ocr page 196

188

TX.

TE DEÜM LAUDAMÜS.

ü , o God ! loven wij ; U , o Heer , belijden wij.

Ü, eeuwige Vader, eert de ganscho aarde.

U roepen al de Engelen, U de Hemelen en al de Machten ,

ü de Cherubijnen en Serafijnen onophoudelijk toe :

Heilig , Heilig , Heilig , de Heer God der Heerscharen!

Hemel en aarde zijn vol van de Majesteit uwer glorie.

Het glorievolle koor der Apostelen, Het lofwaardig getal der Profeten, Het blinkende heer dor Martelaren looft U.

U belijdt de H. Kerk, geheel de aarde door , U , Vader van oneindige glorie ,

Uwen hoogwaardigen, waren en eenigen Zoon ,

Alsmede den Vertrooster den H. Geest. Christus, Gij zijt de Koning der glorie. Gjj zijt de eeuwige Zoon des Vaders, Gij hebt, toen Gij , om den mensch te

ocr page 197

189

verlossen, de meuschheid zoudt aauuemeu, den schoot eener maagd niet geschroomd.

Gij hebt, nadat Gij den schicht des doods overwonnen hadt, voor de geloovigen het rijk der hemelen geopend.

Gij zit aan de rechterhand Gods, in do glorie des Vaders.

Wij gelooven , dat Gij als Rechter zult komen,

Wij bidden U dan,

te hulp, die Gij door verlost hebt.

Geef, dat zij in de eeuwige glorie, onder liet getal uwer Heiligen mogen zijn.

Heer, maak uw volk zalig en zogen uw erfdeel.

En bestuur hen en verhef hen tot in eeuwigheid.

Dagelijks loven wij U.

En wij prijzen uwen Naam in eeuwigheid, en in eeuwigheid der eeuwigheden.

Gewaardig U , o Heer, ons heden zonder zonde te bewaren.

Ontferm U onzer, Heer, ontferm U onzer.

Laat, o Heer, uwe barmhartigheid over ons komen, gelijk wij op U gehoopt hebben.

Op ü, o Heer, heb ik mijne hoop gesteld : in eeuwigheid zal ik niet beschaamd worden.

kom uwe dienaren uw dierbaar Bloed

ocr page 198

190

y. Laten wij dou Vader , en deu Zoon ,

en den H. Geest zegenen. R. Laten wij Hem in alle eeuwen loven

en verheffen.

y. Heer , verhoor mijn gebed.

ij:. En mijn geroep kome tot U. y. De Heer zij met U,

R-, En met uwen geest.

r.AAT ONS BIDDEN.

() God , wiens barmhartigheden zonder tal en wiens goedheid eene onuitputbarc schat is , wij brengen dank aan uwe weldadige Majesteit voor de verleende weldaden , en smeeken voortdurend uwe goedertierenheid, dat (ijj, die aan de biddende geeft, hetgeen zij U vragen, hen nimmer verlaat, maar hen tot de toekomstige belooningen geschikt maakt. Door Christus onzen Heer. Amen.

Cit'bed om de genade van volharding te verwerven.

Heer , almachtige God , die het kwaad toelaat om er goed uit te trekken, aanhoor onze ootmoedige gebeden, waarmede wij U smeeken, dat wij in het midden

ocr page 199

I'JI

vau zoovele aauvallen ü getrouw blijven en tot den dood getrouw volharden mogen. Geef' ons bovendien door de voorspraak der allerzaligste Maagd Maria de kracht, ons altijd aan uwen allerheiligsten Wil gelijkvormig te maken.

(Aflauf van 100 dayen, eem per da;/. Pius IX , 15 Juni 1863).

- ---—

A I'FKOIUTIO ORUINIS,

I.Ml'lilMI POTEST. Fr. ALBERTUS , Min. ïrov. I. I. ïli.iiUUGl. 5 Junii 1894.

IMPEIMATUK.

M. F. DE BEER. Sup.-Gcu,

ad hoiquot; delegatus.

Th.bubgi, ö Julii 1895.

ocr page 200

r' /

Ïïjjizj-E , \ n O ( „

lïl.AJJ/.

Voorrede............

Eerste Gedeelte.

1. Kapel van Portiuiu-iilit, bakermat eu hoofd

kerk der Orde van den H. b'ranoiscus. 'J

2. Oorsprong en verspreiding van den Aüaat

van Portiuncula........04

Voorwaarden om den Aflaat van i'orUuncula te kunnen verdienen. — Gesteltenis om zijne vruchten te bewaren.....01

Tweede Gedeelte.

1. (lebeden under de II. Jlis......Sl

'2. Gebeden voor de II. Communie .... ItiJ

;•!. Gebeden na de II. Comniunie.....llü

4. Litanie van ilen Zoeten Naam Jesus . . 120

5. Litanie ter eere van het H. Hart van Jesus. 130 rgt;. Gebeden ter eere van het Allerli. Sacrament

des Altaars..........li!7

Litanie tut Jesus in het Allerheiligste Sacrament des Altaars......137

7. Gebeden tereerevandeAllerh. Maagd Maria 101

Litanie van de H. Moeder Gods . . . 101

8. Litauie ter eere van den H. Franciscus

van Assisie..........178

Gebeden ter eere der II. Vijf Wonden van den Seratij nscheu Vader Franciscus. . 183

9. Xe Deum laudaiuus........188

ocr page 201
ocr page 202

7

ocr page 203
ocr page 204