ocr page 1
ocr page 2
ocr page 3
ocr page 4
ocr page 5

GEESTELIJKE BLOEMKRANS.

__vii____' V t '

h,gt;? gt;

Samengesteld uit

GODVRUCHTIGE OEFENINGEN, GEBEDEN EN GEZANGEN

gedurende het geheele jaar in gebruik.

door

P. fr. J. P. G. B.,

Dominicaan.

Onder de bescherming van Maria en de voorbede van Gods Heiligen.

leiden.

J. W. VAN LEEUWEN.

Uitgever en Antiquarisch Boekhandel. Hoogewoerd 89.

1899.

ocr page 6

IMPRIMATUR

Amstelodajii, die 2 Septembris 1899.

H. J. BORGHOLS,

Libr. Cens.

IMPRIMI PERMITTIMUS.

Huissbn, 18 Septembris 1899.

P. fk. L. THE1SSLING,

Prior Prov.

ocr page 7

iGin den goetvrucmigen onrisJcn,

Dit devotieboekje zal, naar ik hoop, U teu allen tijde van dienst kunnen zijn.

Ik heb gemeend goed te doen, het zoo volledig mogelijk te maken. Gij zult er behalve Morgenen Avond-, Mis- en Lof-, Biecht-, Communie- en Kruisweg-gebeden ook de meest verscheiden oefeningen van godsvrucht in aantreffen, o. a. die ter eere van Jezus' H. Hart, van 't Allerheiligste Hart van Maria en van verschillende algemeen vereerde Heiligen Gods. Het zal ü van dienst ook kunnen zijn in de Congregatie der H. Familie, van den Zoeten Naam Jezus en den H. Rozenkrans en tevens op uw bedevaartsreis naar Kevelaar of Brielle. Het bevat ook die gezangen, welke gewoonlijk worden gezongen, bij de kerkelijke oefeningen, door geheel het jaar.

Moge dit boekje door God gezegend, zijn weg vinden en strekken tot vermeerdering Zijner eer-en tot grooter lof zijner Heiligen.

God zegene, door hun voorspraak, ü en mij.

P. B.

UTRECHT, Maeia-Hemelvaaet, 15 Aug. 1899.

Wij verklaren nadrukkelijk, dat bij de overname van gebeden, gezangen, enz. de rechten van anderen naar behooren zijn geëerbiedigd.

jelvrucliliGten Clin si c

ocr page 8
ocr page 9

INHOUD.

Inleiding.

EERSTE AFDEELING.

Bladz.

Morgeugebedeu....................1

Avondgebeden..........3

Gebeden dij het aanvaakden der bedevaart ........................5

Morgengebed. . .........lt;3

Algemeen morgengebed..............8

Avondgebed......................9

Gebeden onder de H. Mis......12

Gebeden na de H. Mis.......24

Gebeden onder de H. Mis voor de geloovige

zielen............26

Oefeningen vóór de Biecht......32

Gebed na de Biecht........35

Oefeningen vóór de H. Communie. ... 39

Gebed na de H. Communie......42

Kruisgebed...........48

TWEEDE AFDEELING.

Litanie van deu Zoeten Naam Jezus ... 49 Litanie van het H. Hart van Jezus ... 55 Gebed ter eere van het H. Hart van Jezus. 57 Litanie ter eere van den H. Geest ... 58 Hymne „Veni, Sancte Spiritusquot; .... 62 Litanie tot Jezus in het Allerheiligste Sacrament ...........64

Eereboete aan J. C. in het Allerheiligste Sacrament...........67

ocr page 10

inhoud.

Bladz.

Litanie van het Lijden van Jezus Christus. 69 Litanie ter eere der Allerheiligste Maagd Maria............75

Oefeningen ter eeee van het Onbevlekte Hart van Maria.

Gebeden der Broederschap van het Onbevlekte

Hart van Maria tot bekeering der zondaren. 81 Gebeden onder het Lof, ter eere van het

Onbevlekte Hart van Maria.....83

Sub tuum praesidinm........8-1

Gebed voor de bekeering der zondaren. (Paree

Domine).....•......85

Defensor nesten (vóór den zegen.). . . . 8(gt;

Litanie ter eere van het H. Hart van Maria. 88

Memorare............90

Litanie ter eere der Koningin van den H.

Eozenkraus ... ......91

Litanie ter eere van O. L. V. van Smarten 94

Gebeden tot O. L. V. van Smarten . . . 97 Litanie ter eere van den H. Jozef . . .104

Gebed tot den H. Jozef.......106

Memorare van den H. Jozef.....107

Gebed van ouders voor hunne kinderen . .107

Gebed van de jeugd........109

Gebed om voorlichting in het verkiezen van

een levensstaat.........110

Gebeden ter eere van den H. Dominions, (tot afwering v^n rampen).......111

ii

ocr page 11

INHOUD.

Blauz.

De 15 Diusdagen ter eere van den H. Do-

minicus............113

Litanie ter eere van den H. Dominicus . .149 Litanie ter eere van de H. Barbara. (Patrones tegen een onvoorzienen dood.) . .152 Gebed om een zalig afsterven van een afgedwaalde...........158

Litanie om een zaligen dood.....160

Litanie ter eere van den H. Thomas van

Aquinen. (Patroon der Zuiverheid.). . .1(53 Gebed tot God, om de gave der Zuiverheid. 164 Gebed tot den H. Thomas v. Aq: Beschermer

der Zuiverheid.........165

Wijding van het Koordje van den H. Thomas

v. Aq :............166

Gebeden ter eere van den H. Petrus Mart:

der Predikheerenorde. (Patroou der Zieken). 167 Gebed bij het gebruik van het water, gewijd

ter eere van den H. Petrus.....167

Gebed om door de voorspraak van den H.

Petrus de gezondheid te herkrijgen . .168 Gebed tot den H. Petrus, tijdens eene ziekte. 169 Litanie ter eere van den H. Petrus, Martelaar. 170 Formulier voor de wijding van het water,

met de reliek van den H. Petrus . . .172 Litanie ter eere van den H. Joannes, van de Orde

der Predikheemi. (Martelaar van Gorcnm). 173 (iebed op het martelveld te Brielle . . .177 Algemeen gebed tot de H.H. Martelaars van Gorcnm voor onze processie.....180

Ill

ocr page 12

inhoud.

Bladz.

Litanie ter eere van den H. Willebrordus.

(Beschermer van Nederland).

Litanie ter eere van den H. Antonius van Padua. Smeekgebed tot den H. Antonius . . .

Gebed om verloren zaken terug te vinden

Gebed in allerlei tegenspoed.....

Eesponsorium.........

Gebed tot den H. Antonius in allerlei noodwendigheden . ........

Gebed voor het welslagen eener tijdelijke zaak. Gebed om een geestelijke weldaad. . .

Litanie ter eere van de H. Lidnina, voorbeeld van geduld en lijdzaamheid .

Gebed om een geestelijke of tijdelijke gunst. Litanie ter eere van den H. Blasius, Patroon

tegen keelziekte........

Formulier bij den zegen van den H. Blasius. Litanie van overgave aan Gods H Wil. Gelatenheid in den H. Wil van God. .

Litanie voor de geloovige zielen . . .

Litanie ter eere van het H. Kruis Wijze om den H. Kruisweg te bidden . Kruisweg-oefening voor de zielen in het vagevuur ...........

iv

Stabat Mater..........

DEEDE AFDEELING. Congregatib-oefenincten ter eere van I. M. I. Eegbls en verordeningen van de Broederschap der H. Familie......247

ocr page 13

inhoud.

Bladz.

Lijst der Aflaten, verleend aan de Aartsbroederschap der H. Familie.....252

Patrooxhkiligen (Mannenafdeeling.). . .259 „ (Vrouwenafdeeling). . .260

Akte van Toewijding.......262

De plechtige opdracht........263

Formulier bij het zegenen der Medailles . 264 „ bij het omhangen der Medailles. 265 Bij de opening der Congregatie . . . .266

Aanroeping van den H. Geest.....266

Smeeklied tot den H. Geest......267

Aanroeping van den H. Geest.....268

Lofzang „Veni, Creatorquot;.......270

Akte van toewijding van een christelijk huisgezin aan de H. Familie......281

Gebed voor een afbeelding der H. Familie . 282 Akte van toewijding aan het Allerheiligst

Hart van Jezus.........284

Broederschap van den H. Eozenkrans . 286 Voorwaarden, verplichtingen, aflaten . . . 286 Geheimen van den H. Rozenkrans. . . . 289 Formulier om Rozenkranzen te wijden. . 290

Gezangen tot Jezus.

Lofzang van den H, Bernardus tot Jezus . 293

Dat Jezus leev'..........301

Aan Jezus eer..........302

Aan Jezus' H. Wonden.......303

Bede tot Jezus..........304

De Zoete Naam van Jezus......305

v

ocr page 14

inhoud.

Bladz.

Aanbidding van Jezus in het H. Sacrament. 306

• 307

.....308

quot; quot; • 309

.......310

Akten vóór de H. Communie.....311

Akten na de H. Commnniè......312

Voorbereiding tot de H. Communie . . .314

Vóór de H. Communie.......315

Na de H. Communie........316

Geloofd zij Jezus Christus......316

Geloofd zij Jezus Christus......320

Akte van geloof.........321

Rouwvolle bede..........323

De berouwhebbende zondaar......324

Een godslasteraar voor het Kruisbeeld . .326 Gedenklied aan 's Heeren Lijden .... 327

Gezangen tot Maria.

Maria leev'...........329

Gebed tot Maria.........330

Maria, Onbevlekt Ontvangen.....331

O Moeder Gods..........333

Avondgroet aan Maria.......335

Lofzang aan Maria........336

O beeld der schoone liefde......337

De Meimaand..........33S

Meilied.............339

Zie ons Moeder..........340

vi

ocr page 15

inhoud. vii

Bladz.

Maria onze Beschermster.......342

De Kinderen vau Maria.......344

Vreugd der kinderen van Maria .... 345

Ave Maria...........346

Stella matutina..........347

De groet des Engels........349

Opdracht van ons hart aan Maria. . . . 350

Bede tot Maria..........351

Naam van Maria.........352

Maria troost ons.........353

Aan Maria...........354

Salve.............355

Maria's Hemelvaart........356

Aan Maria...........357

Aan Gods Moeder.........359

Laatste hulde aan Maria.......361

Gezangex tot den H. Jozef.

Dat Jozef leev'..........363

De H. Jozef, onze Beschermer.....364

De H. Jozef en het Goddelijk Kind . . . 365

Bede tot den H. Jozef.......366

Smeekgebed tot den H. Jozef.....367

Aan den H. Jozef.........368

Gezangen tot Makia, Koningin van den h. eozenkrans.

O. L. V. van den H. Eozenkrans. . . 370

ocr page 16

inhoud.

Bladz.

De vijf blijde geheimen (1). (lste geheim) 372

(-de „ ) 373 (3d0 „ ) 374 (4de „ ) 376 (5de ^ ) 377 De vijf droevige geheimen. (lste geheim) 378

(2de „ ) 380 (3de „ ) 382 (4de „ ) 384 (ö116 ,, ) 386 De vijf glorierijke geheimen. (lste geheim) 388

(2d0 „ ) 389 (3de ,. ) 390 (41® „ ) 391 (5d0 „ ) 393 De vijf blijde geheimen (2). (Ist0 geheim) 394

(2de „ ) 396 (3de „ ) 397 (4de „ ) 398 (5de ) 399

De vijf droevige geheimen. (lste geheim) 400

(2d0 „ ) 402 (31« „ ) 403 (4de „ ) 404 (5de „ ) 406 De vijf glorierijke geheimen. (Ist0 geheim) 407

(2do „ ) 408 (3de ,, ) 409 (4de ) 410

(5de « ) 411

viii

ocr page 17

inhoud.

Bladz.

De vijf blijde geheimen (3).....412

De vijf droevige geheimen.....414

^ De vijf glorierijke geheimen . . . .416

3 De vijf blijde geheimen (4).....418

De vijf glorierijke geheimen . . . .419

□

De vijf droevige geheimen.....420

Ter eere van 0. L. V. van den H. Rozen-2 krans (1)...........422

4 Ter eere van O. L. V. van den H. Rozen-

® krans (2)...........423

Lied van 't Rozenkransken . . . . .424

9

0 Gezangen ter eere der H. Familie.

Aan Jezus, Maria Jozef ..... . . 429

0 7

Aanroeping van Jezus, Maria, Jozef . . . 430

^ Loflied op de H. Familie......431

^ Het H. Huisgezin.........433

De H. Familie ons voorbeeld.....434

Si _

Bede tot Jezus, Maria, Jozef.....435

1 Ck

Op de medaille der Congregatie . . . .437 Vaandellied...........431)

|0

f Loflied ter eere van Jezus, Maria, Jozef . 440

Opdraclitslied......, . 442

Feestlied............443

Lied van Toewijding aan de H. Familie . 445

Danklied tot het H. Huisgezin.....446

Vertrouwen op de H. Familie.....448

ix

.Smeekgebed voor de zielen in het vagevuur. 449 Gebed tot Jezus, Maria, Jozef voor de af-

gestorvenen..........450

II

ocr page 18

inhoud.

bijadz.

Voor de geloovige zielen.......451

Gelegenheidsliederen.

Ter eere van het H. Hart van Jezus (1) . 455

v ,■ „ „ (2) . 45(j

(3) . 457

(4) ■ 458 „ (5) . 459 „ (6) . 460 ,, (quot;) • 461

Vaandellied van den Zoeten Naam Jezus . 462 Kerstliederen (1).........464

(2 ).........465

(3 ).........46(5

(4 ).........467

(5 ).........468

(6 ).........470

Liederen voor het Genootschap der H. Kindsheid (1)...........472

(2 )...........473

(3 )...........474

(4 )...........475

Gezangen tot de Moeder van Smarten (1) . 477

(2) • 479

Aan den H. Dominicus.......481

Hulde aan den H. Dominicus.....482

Op den feestdag' van den H. Dominicus. . 485 Ter eere van de H. Catharina vau Seuen . 486 Loflied tot den H. Joannes. (Martelaar van Gorcnm) . . .........487

x

ocr page 19

INHOUD.

Bladz.

Ter eere vau de H. Barbara.....490

Bede tot de H. Barbara.......491

Ter eere van deu H. Antonius van Padua. 498

En gratuleinur hodie........494

Si quaeiis miracula........495

Ter eere van den H. Antonius van Padua . 496 Het „Avequot; ter eere van St. Antonius van Padua. 498 De H. Liduiua. (Patrones van Schiedam) . 499 De H, Liduiua. (Patrones van lijdzaamheid. 500 De H. Liduina, verheerlijkt op aarde. . . 502 De H. Liduiua, verheerlijkt in den hemel . 503 De H. Liduiua, de Bruid van Jezus . . . 505

Jubellied............506

Gezangen tjce Beielschb Pbocessie. . . 507

Bij het naderen van deu Briel.....510

Lof- en smeeklied op het graf onzer H.H.

Martelaren...........512

Neêrlands Pelgrimschareu......514

Pelgrims! laat ons melden......514

Afscheidslied der Pelgrims......517

Afscheidsgroet..........518

Smeeklied............521

Kevelaarsgezangen.

Bedevaartslied..........523

Naar Kevelaar..........524

Morgenlied...........525

Avondlied............527

Afscheid vau Kevelaar.......529

Te Deum (Groote God.......531

XI

ocr page 20

inhoud.

Bladz.

Latijnsche Gezangen (jiet hollandsche veetaling).

Adoro Te............SS6

Lofzang „Adoro Tequot;........537

Jesu dulcis memoria........539

Defensor (zie bl. 86)................540

Ave verum...........540

Ave Maria...........540

Angelus............541

Ave maris Stella.........542

i' n .........543

O Sanctissima..........545

Eegina Coeli...........546

Salve Eegina..........547

Sub tuum (zie bl. 84)................547

luviolata............547

Magnificat............548

Te Deum............550

Gebeden voor de geloovige zielen.

Miserere............554

Jesu Salvator..........557

De Profundis...........558

Formula benedictionis pro Tertiariis (post

Absolutionem)..........562

Benedictio vestimentorum Fratrum et Sororum. 562 Benedictio Cinguli S. Thomae Aquin: . . 563 Geloofd zij God..........564

xii

ocr page 21

EERSTE AFDEELING.

MORGENGEBEDEN.

lu deu naam des Vaders, en des Zoous, en des Heiligen Geestes. Amen.

Vijftig dagen aflaat, zoo dikwijls men met een rouwmoedig

hart het Kruisteeken maakt.

Honderd dagen als men dit teeken maakt met gewijd water. 28 Juli 1863.

O God, in U geloof ik, op U hoop ik, ü bemin ik van gausclier harte.

(Na het aankleeden knielt men neder en bidt.)

O Jezus, mijn Heer en Verlosser, voor TJ ontwaak ik in deu vroegen morgen eu wijd U het begin van dezen dag toe. Ik aanbid U als mijn Heer en mijn God en dank U voor alle weldaden, die Gij mij bewezen hebt, vooral dat Gij mij dezen nacht beschermd en voor een onvoor-zieuen dood bewaard hebt. Ik bemin U uit geheel mijn hart in vereeuiging met uwe maagdelijke Moeder en den H. Jozef. Ik offer mij aan U op, voor dezen dag en voor geheel mijn leven. Ik schenk U mijn lichaam en mijue ziel eu ver-eeuig met uwe oneindige verdiensten alles wat ik vandaag zal denken, spreken, doen, laten en lijden. Alles tot uwe meerdere eer en glorie, o Jezus! Laat niet toe, dat ik U heden door eeu vrijwillige zonde beleedige.

O Jezus, uw H. Naam wil ik schrijven op

ocr page 22

2

mijue oogeu, opdat zij uiets aanschouwen wat ijdel en zondig is eu U kan mishagen ; op mijnen mond, opdat hij niet anders spreke dan hetgeen U welgevallig is; in mijn hart opdat het vrij blijve van alle slechte begeerten en gereinigd worde van alle kwade neigingen.

Ik maak de goede meening, alle heilige aflaten te verdienen, aan welke ik deelachtig kan worden en leg ze in de handen uwer allerheiligste Moeder neder; ook vereenig ik mij met alle H. H. Missen, die heden op heel de wereld worden opgedragen, en breng dat alles ten offer voor de geloovige zielen in het vagevuur.

(Bid 3 Weesgegroeten tot de onbevlekte Moeder Gods.)

O Moeder, eer deez' dag begint,

Geef mij den zegen met uw Kind.

O heilige Maagd, en mijne liefste Moeder Maria, ik verberg mij onder uw sclmtsmantel. Daar wil ik leven, daar wil ik sterven; bewaar mij voor de zoude en geef mij uwen moederlijkeu zegen.

Engel Gods, mijn beschermer, wien ik door de opperste Vaderliefde ben toevertrouwd, wil mij verlichten, bewaren, geleiden eu bestieren.

H. Jozef, gij Voedstervader van het goddelijk Kind eu gij mijn heilige Patronen, staat mij bij; alle heiligen Gods, bidt voor mij. Amen.

Onze Vader — Wees gegroet — Ik geloof in God den Vader.

(Maak het voornemen een zekere fout te vermeden.... een goed werk te verrichten.. . .)

ocr page 23

AVONDGEBEDEN

O Jezus, aan het einde van dezen dag kniel ik voor U neder en dank ü uit geheel mijn hart voor de vele genaden en weldaden, die Gij mij weder geschonken hebt.

O God ! hoe goed zijt Gij voor mij geweest, doch hoe heb ik aan uwe liefde beantwoord ? Heb ik U niet beleedigd met gedachten ? — woorden ? — werken ? — door verzuimenis ? — door vreemde zonden ? — hoe heb ik mijn voornemen gehouden ? — de plichten van mijnen staat volbracht ? —

(Gewetensonderzoek.)

O Jezus, Koning van hemel en aarde. Gij, die eens mijn Rechter zult zijn, al mijne zonden van dezen dag en van mijn vorig leven zijn mij leed uit liefde tot U. O Jezus, vergeef mij! Ter wille van uwe verdiensten, van uw kostbaar Bloed, van uwen bitteren dood, ontferm U mijner. Help mij. opdat ik in de toekomst getrouw blijve en U niet meer beleedige. In uwe liefde wil ik leven en sterven. In uw liefdevol hart beveel ik mijn lichaam en mijne ziel.

Ik wil gaan slapen met dezelfde meening waarmede Gij, o Jezus, in den stal op het harde stroo geslapen hebt, om uwen hemelschen Vader te behagen. Mijn Jezus, geef mij uwen zegen.

Dat God do Vader, God de Zoon en God de H. Geest mij zegenen, wien lof en dank worde gebracht in eeuwigheid.

ocr page 24

4

Jezus vau Nazareth, Koning' der Joden, iloge deze zegenrijke titel, mij beschutteu tegen een haastigen dood en tegen alle kwaad.

O Maria, Moeder der Barmhartigheid, bescherm eu bewaar mij in dezen nacht en in mijn laatsten strijd.

Maria, liefste Moeder mijn,

Kom mij te hulp in stervenspijn. '

H. Engel Gods, blijf aan mijne zijde. '

H. Jozef, sta mij bij. ^

H. Patronen en alle Heiligen, bidt voor mij. '

(Bid nog de Litanie van den Zoeten Naam, 1 en vergeet de geloovige zielen niet.) %

Jezus, Maria, Jozef, U geef ik mijn hart en mijne ziel. '

Jezus, Maria, Jozef, staat mij bij in mijn doodstrijd. v

Jezus, Maria, Jozef, moge mijne ziel met ü in 1! vrede scheiden. v

(300 dagen aflaat.) 1:

Mijn Jezus, barmhartigheid. p

(100 (lagen aflaat.)

Zoet Hart van Maria, wees mijn toevlucht.

(300 dagen aflaat.) ^

b n

n

g

t:

g

ii

ocr page 25

GEBEDEN bij het aanvaarden der Bedevaart.

Zoete Troosteres der Bedrukten, ik onderneem deze bedevaart ter eere der allerheiligste Drieëeu-lieid, tot Uwe verheerlijking, uit dankbaarheid voor de tallooze weldaden, welke Gij mij door Uwe tusschenkomst verworven hebt; tor boete mijner zouden en ongetrouwheden, en ter bekoming van eenen aflaat, voor mij of voor de zielen van N. N. Door Uwe bemiddeling ook, o lieve Moeder, hoop ik hulp en troost te verkrijgen in.......

Maria, neem deze pelgrimsreis met moederlijke welwillendheid aan. Ik vereenig mij met die vrome pelgrims, die meer dan ik Uw moederzegen waardig zijn. O, Maria, zie met barmhartige liefde, ook op mij, armen en hulpbehoevenden pelgrim neer.

Almachtige, eeuwige God, die zoo dikwijls door wonderen getoond hebt, hoe aangenaam de vrome bedevaarten, ter eere Uwer lieve Moeder ondernomen, U zijn, ach, zie met goedertierenheid neder op dezen pelgrimstocht. Scheuk mij een grooten ijver en een vast en onwankelbaar vertrouwen op de hulp en de voorspraak mijner goede Moeder Maria.

Heilige Engelbewaarder, bescherm en geleid mij op dezen pelgrimstocht. Amen.

ocr page 26

6

MORGENGEBED. d

(Bij den aanvang der reis.) ^

Almachtige en eeuwige God, zie ons hier in o

aanbidding neêrgeknield voor den troon Uwer g oneindige heerlijkheid. De lang gewenschte dag

is dan aangebroken, waarop wij de reis naar het z

genadevolle oord aanvaarden, waar Uwe lieve a

Moeder met hare zegeningen ons wacht. Heilig, a

o God, al de krachten van ons lichaam en van g

onze ziel, en geef, dat wij met eene zuivere d

meening deze reis ondernemen, alleen om U te k verheerlijken en Uwe en onze lieve Moeder te

vereeren. v

Tegelijk met onze nederige aanbidding, otteren l

wij U al onze gedachten, woorden en werken d

van dezen dag op. Ontvang elke ademhaling, die v

wij doen, als eene verzuchting van liefde tot U G

en Uwe goede Moeder. Alle aflaten, gunsten en z

genaden, die wij dezen dag verdienen kunnen, o

offeren wij U op tot uitboeting onzer zonden en si

tot lafenis der geloovige zielen in het Vagevuur. '

Al onze gebeden en goede werken, onze schreden, d

onze vermoeienissen, onze ontberingen aan dezen t(

pelgrimstocht verbonden, bieden wij U als een U

zoenoffer aan. Wij vereenigen onze gebeden en o;

lofzangen met die der Engelen en Heiligen ; met U

de verdiensten der allerheiligste Maagd, onze d

beminde Moeder, met het verdienstvol leven, het v

bitter lijden en den smartvollen kruisdood van 'J

Jezus Christus. Mogen zij, op die wijze ver- zi

ocr page 27

7

dienstvol gemaakt, tot verheffing onzer Moeder de H. Kerk, tot lieil onzer zielen, tot verlossing der arme zielen iu het Vagevuur, tot welzijn in onzer dierbare betrekkingen en tot zegen der

er gansche Christenheid zijn.

ag Geef, goede' God, dat wij deze bedevaart op

iet zulk eene waardige wijze verrichten, dat wij er

ive al de voordeelen van verwerven. Zend Uwe En

ig, gelen af uit den Hemel, om ons op deze reis te

an geleiden, te bewaken en te beschermen ; en moge

;re de heilige Geest ons tot alle goed aansporen en te kracht schenken om het te verrichten, te Lieve bloeder Maria, met kinderlijk vertrouwen

wenden wij ons tot IJ. Neem deze bedevaart, die ren Uwe kinderen te Uwer eer ondernemen met moe-cen derlijke welwillendheid aan. O Moeder, die zooveel die vermoogt op het Hart van Jezus, Uwen Zoon ; U Gij, die ons zoo teeder liefhebt en onze zaligheid en zoo vurig verlangt, o draag Gij, goede Moeder, ten, onze gebeden en goede werken aan Jezus op, en steun ze door Uwe machtige voorbede. Jezus, die lur. U zoo innig liefheeft, zal zeker op Uwe bede, [en, de eer, die wij U bewijzen, den lof, dien wij U zen toezwaaien, honderdvoudig beloonen. Bid daarom een Uwen lieven Zoon, dat hij met welgevallen neerzie en op onze zwakke pogingen, ter bevordering van met Uwen eeredienst. Smeek Hem, o goede Moeder, mze dat Hij ze die vruchten doe dragen, die wij er het van durven verwachten. Vraag Hem, dat deze van bedevaart vooral moge strekken tot heil onzer ver- ziel, en dat wij in Uw geliefd Kevelaar, gesterkt

ocr page 28

8

1

in Uwen dienst, behouden tot onze dierbaren mogen wederkeeren. Verwerf ons eindelijk, o lieve Moeder, dat wij op het einde van onzen grooten pelgrimstocht door dit leven, bij ü en uwen Zoon in den Hemel voor eeuwig rust vinden. Amen.

ALGEMEEN MORGENGEBED.

O God, voor Uwe Oppermajesteit kniel ik op dezen geheiligden grond aanbiddend néér. Hoge deze dag, waarop Uwe goedheid mij tijd scheukt, om voor de eeuwigheid te werken, aan U geheel zijn toegewijd. Geef, dat ik heden zóó voor Uw aanschijn wandele, dat ik mij, bij het vallen van den avond aan geen plichtverzuim schuldig kenne. Uwe liefde zij mij een spoorslag tot alle goede daden; gerechtigheid besture de uitvoering mijner goede voornemens ; ongeveinsde liefde tot den naaste zij de drijfveer mijner handelingen, en U alleen te dienen het doel van heel mijn streven.

3Iaar wat zijn al mijn goede voornemens, o God, wanneer Gij ze niet zegent? Dien vaderlijken zegen smeek ik daarom, bij het aanbreken van den morgen, over alles, wat ik heden verrichten ga, met kinderlijk vertrouwen af. Weiger, o God, weiger mij Uwe hulp niet: want uit mij zeiven ben ik zoo zwak en tot niets goeds in staat. Mogen al mijne gedachten, woorden en werken gestempeld zijn met het verheven merk der reinste en zuiverste liefde. Moge alles U ter eere geschieden. Ik vereenig daarom al mijne

ocr page 29

9

werken, met de lofzangen der Engelen, met de verdiensten der allerheiligste Maagd, en met liet lijden en sterven van Jezus Christus, opdat zij op deze wijze verdienstelijk gemaakt, ü meer tot eer en mij meer ten zegen strekken. Lieve Moeder Maria,- wees Gij mijne voorspraak bij God, en verwerf voor mij de genade, getrouw te zijn aan de goede voornemens, die ik lieden maak. H. Engelbewaarder, en Gij mijn Beschermheiligen, bidt God voor mij, opdat deze dag voor mij een dag van genade en van verdiensten voor den Hemel zijn moge. Amen.

AVONDGEBED.

* De ondervinding leert, dat niets krachtiger tot getrouwe pliehtvervulling aanspoort, dan, vooraleer men zich ter ruste begeeft, zich af te vragen, hoe men dien dag, zijne plichten jegens Crod, den naaste, en zich zeiven heeft vervuld.

De dag is voorbij. Kan ik voor ü, Alwetende, de getuigenis afleggen, dat ik hem goed lieb doorgebracht? Volmondig moet ik bekennen, dat Gij met vaderlijke goedheid uwe weldaden aan mij hebt geschonken. Was ik er dankbaar voor ? O God, aan hoeveel fouten en gebreken heb ik mij schuldig gemaakt? Wat heb ik door gedachten, woorden en werken veel misdaan! Ik vraag er U ootmoedig vergiffenis voor, o barmhartige en liefdevolle Hemelvader. Acli, Gij weet zoo goed, hoe zwak ik ben. Zoo dikwerf reeds heb ik beloofd U trouw te zullen blijven: nog dezen morgen vormde ik de beste voornemens, en toch aan hoeveel ongetrouwheden maakte ik mij jegens ü niet schuldig?

ocr page 30

10

O God, laat mij genade vinden iu Uwe oogen. Gij, die de Liefde zelve zijt. Gij toondet den zondaar zoo menigmaal Uwe barmhartigheid wanneer hij slechts met een rouwmoedig en vernederd hart Uwe ontferming inriep; ach, verstoot ook mij, armen zondaar, niet, maar wees mij genadig. In het volle vertrouwen, dat Gij mij mijne overtredingen zult vergeven hebben, ga ik mij ter ruste begeven. Bewaar mij dezen nacht voor alle gevaren naar lichaam en ziel. Dat Uwe Engelen over mij waken en alle onheil van mij afkeeren. Zal ik morgen weêr ontwaken, o God? Ik weet het niet. Maar, indien Gij mij dezen nacht voor Uwen rechterstoel roept, barmhartige God, wees mij dan genadig, om wille van Jezus, Uwen Zoon, die onze Middelaar, onze Verlosser, onze Verzoening, onze Hoop en de Redder onzer arme, schuldige zielen is.

Lieve Moeder Maria, als een vreesachtig kind neem ik tot U mijne toevlucht. Ik ga mij ter ruste begeven; zal 't de laatste maal mijns levens niet zijn? Barmhartige Moeder, ik vertrouw mij aan U toe. Waak over uw kind, o goede Moeder, en bid voor mij, nu en in het uur van mijnen dood.

,.Eugel Gods, aan wiens zorg mij de Voorzienigheid heeft toevertrouwd, verlicht, bescherm, geleid en bestier mij.quot; Amen.

* Telkens iOö dagen ariaat. Volle aflaat op 't feest der Engelbewaarders, als men het 's morgens en 's avonds gedurende het jaar heeft _verricht: onder de gewone voorwaarden. Pius VI, 2 October 1795. — Volle aflaat eens in de maand, als men het dagelijks doet, op een dag naar verkiezing; en in het uur des doods, lt;ils men 't gedurende geheel zijn leven dikwerf gedaan heeft. Pius VI, 2U Sept. 1795; Pius VII, 15 Mei 1821.

ocr page 31

11

Ouze Vader — Wees gegroet. Ik geloof in God den Vader.

Akte van Geloof, Hoop, en Liefde. Gewetensonderzoek. Akte van Berouw.

ocr page 32

Gebeden onder de Jï. Sis.

esje

ter eere tmii de allerlieiligste Maag-d, de Koniu-!;in van den ailerlieiliasten llozenkraus.

Ieder lid van 't Aartsbroederschap, die de Rozenkransmis bijwoont, kan al de aflaten verdienen, aan het bidden van den geheelen Rozenkrans verleend. Clemens X, „Coelestium munerum.,,

Groote God! ik kom twe genade vragen om met den diepsten eerbied dit H. Misoffer te kunnen bijwonen. Ik vereenig mij met den Priester, die dit onbloedig Offer gaat opdragen, tot Uwe meerdere eer en glorie, als een gedachtenis aan Uw H. Lijden en Uwen bitteren dood, als eene dankzegging voor al Uwe weldaden, als een voldoening ouzer zonden. Moge dit H. Offer mij en allen, zoo levenden als overledenen, voordee-lig zijn.

Allerbeminnelijkste Moeder Maria, Koningin van den H. Eozenkraus, die met zooveel standvastigheid hebt gestaan onder het kruis van Jezus, Uwen Zoon, sta mij bij. nu ik mij naast U kom plaatsen onder den Kruisboom, geplant op den geheimzinnigen berg des Altaars.

Laten wij den Heer prijzen, want Hij is goed en Zijne barmhartigheid duurt eeuwig.

Confiteor.

O Jezus, die voor mijne zonden in den hof der Olijven zijt bedroefd geweest tot den dood, niet Gij, maar ik had voor die zouden moeten

ocr page 33

13

boeten. Ik belijd daarom voor den almaclitigen God, voor de H. Maagd Maria, en voor alle Heiligen, dat ik zeer gezondigd heb, door ge-dacliten, woorden en werken. Voor die zoude, o goede Jezus, zie ik U hier lijden en Uw maagdelijk Lichaam door den drukkenden last mijner ongerechtigheden met een bloedig zweet overdekt. Ach, schenk mij een oprecht berouw over die zonden; heb medelijden met mij, en wil ze mij vergeven door de voorbede van alle Heiligen: doch vooral door die Uwer lieve Moeder, de Koningin van den H. Rozenkrans. Amen.

Introïtus

Gegroet, Gij, heilige Wortel, waaruit de Heiligheid ontsproot. Gegroet, Gij roem der wereld 1 o Maria, gelijk aan eene roos of lelie, bloeiend te midden der maagden: smeek voor ons Uwen dierbaren Zoon. Begenadigd is Zij, boven de begenadigden, die reine en heilige Vrouwe. Glorie zij den Vader, enz. Gegroet, enz., tot Begenadigd.

Wees gegroet, o heilige Moeder, uit wie de Schepper van hemel en aarde geboren is. U groeten de hemelsche Geesten, U loven zij vol vreugde, als hunne Koningin; U groeten de christenen op aarde met een dankbaar hart; U noemen zij vol vertrouwen hunne Troosteres. Ook ik, ellendige zondaar, groet ü, onbevlekte Maagd en Moeder Gods Maria. O zoete Moedermaagd, luister naar mij en wees mijne Voorspreekster bij Jezus, uwen Zoon.

ocr page 34

14

Kyrie. lle

Ontferm U onzer, hemelsche Vader, door de Hi

voorspraak vau Maria. Uwe uitverkorene Dochter. en

Ontferm L' onzer. Heer Jezus Christus, ter al

wille van Maria, uwe lieve Moeder. sn

Ontferm U onzer, o Heilige Geest, om Maria,

Uwe onbevlekte Bruid. vl.

Maria, Koningin van den H. Rozenkrans, bid ve voor ons.

..i • 20

Uoru». de

Glorie aan God in den allerhoogste, en vrede op aarde den menschen van goeden wille. Wij

loven TJ ; wij prijzen U; wij aanbidden U; wij j.g

verheerlijken ü; wij danken ü om Uwe groote jjg glorie. Heer God, Hemelsche Koning. God Al-machtige Vader. Heer Jezus Christus, eengeboren

Zoon. Heer God, Lam Gods, Zoon des Vaders. jg Die wegneemt de zonden der wereld, ontferm

U onzer. Die wegneemt de zonden der wereld, re

neem onze smeekingen aan. Die aan de rechter- ^

hand des Vaders gezeten zijt, ontferm U onzer. jj,

Want Gij zijt alleen de Heilige, Gij alleen de aa

Heer, Gij alleen de Allerhoogste, Jezus Christus, ^

met den H. Geest, in de glorie van God den c|e

Vader. Amen. q

Gebed.

Almogende en barmhartige God, die van eeuwigheid hebt verordend dat Uw eeniggeboren,

in natuur gelijke, en medezelfstandige Zoon, naar Al

ocr page 35

-

15

het vleesch iu deu Geest vau heiligmaking' ouze [e Heer Jezus Christus zou zijn, en de allerheiligste

r en boven alles welgevallige Maagd Maria Hem vóór

alle eeuwen tot Moeder hebt verkoren; geef ons, smeeken wij U, dat wij door de verdiensten, van a Jezus en van Zijne H. Moeder Maria, door de

vijftien geheimen, iu deu allerheiligste Eozenkrans id vereerd, verworven ons zoodanig aan Hem toewijden,

dat wij ook in de hemelsclie glorie hun vruchten zonder ophouden genieten mogen. Door denzelfden Heer J. C. enz.

^ Bij de Oraties.

;! Wij bidden ü, Heer, schenk ons, Uwen diena-

'y reu, te allen tijde Uwen zegen naar ziel en lichaam,

bevrijd ons door de voorspraak der glorievolle Maagd en Moeder Gods Maria van de ellende ?u des levens en maak ons deelachtig aan de vreugde

IS' der eeuwige zaligheid.

111 Almachtige, eeuwige God, die iu den schoot der

' reine Maagd Maria, door de medewerking van

?1' den H. Geest, eene waardige woonplaats voor ?r- Uwen Zoon bereid hebt. geef, dat Zij, wier aandenken ons met blijdschap vervult, door hare ls' bemiddeling ons voor tijdelijke rampen en voor

eu deu eeuwigen dood beware. Door denzelfden Christus, onzen Heer. Amen.

Bij liet Epistel.

Uit liet Book der Wisheid. CEcol. C. II. 24.)

;u, Ik ben de bloem des velds eu de lelie der daleu.

ar Als de lelie tusschen de doornen, zoo is mijne

ocr page 36

16

vriendin ouder de dochteren. Uwe lippen zijn als druppelend honigzeem : honig en melk vloeit onder uwe tong en de geur uwer kleederen is als de geur van wierook. Gij zijt een besloten tuin, een verzegelde fontein. Uwe scheuten zijn een paradijs van granaatboomen, met granaten beladen. Als-de wijnstok heb ik een zoeten geur van mij gegeven, en mijne bloemen zijn do vruchten mijner verhevenheid en reinheid. Ik beu de moeder der schoone liefde, der vreeze Gods, der wijsheid en der heilige hope. In mij is alle genade van leven eu waarheid, bij mij alle hoop op leven en kracht. Komt dan tot mij. gij allen, die mij lief hebt, laat u met mijne zegeningen overladen. Want mijn adem is zoeter dan honig, en mijn erfdeel gaat honig eu honigzeem te boven.

e. Mijn welbeminde is de mijne en ik ben de zijne; onder de leliën verwijlt Hij tot de dag aanbreekt en de schaduwen vlieden, v. Als de lente sierden haar bloeiende rozen en leliën der dalen.

Alleluia, Alleluia. De stam van Jesse heeft gebloeid, eene Maagd heeft den Godmensch gebaard, eu door het hoogste met het geringste te vereenigen heeft God ons den vrede hergeven. Alleluia.

Van Septuagesima tot Paschen. Verblijd u, o Maagd Maria, want Gij hebt alleen alle ketterijen verwonnen. Het woord van den Aartsengel Gabriël hebt Gij geloofd.

Bij het baren van den Godmensch, hebt Gij

i

I

ocr page 37

17

uwe maagdelijkheid niet verloren, en na Zijne geboorte zijt Gij de onbevlekte Maagd gebleven. Moeder Gods, wees onze voorspraak.

In den Paaschtijd. Alleluia, Alleluia. De Heer is verrezen. Hij is aan de vrouwen verschenen zeggende : WeeSt gegroet. Toen kwamen zij nader en omarmden zijne voeten. Alleluia.

In den Hemelvaartstijd. Alleluia. Alleluia. Christus heeft in zijn hemelvaart de slavernij gevankelijk met zich gevoerd ; Zijn gaven heeft Hij uitgestort over het menschdom. Alleluia.

Het heilig Evaug'clie volgens den H. Lucas.

Ia dien tijd doorreisde Jezus steden en dorpen en predikte en verkondigde het rijk Gods. En de twaalf waren met Hem. Ook eenige vrouwen, die van booze geesten en ziekten genezen waren : Maria, genaamd Magdalena, vau welke zeven booze geesten waren uitgegaan, en Joanna de huisvrouw van Chusas, den hofmeester van Herodes en Susanna en vele anderen, die Hem bijstonden met haar vermogen. Toen er nu eene groote schare bijeenkwam en men uit al de steden naar Hem henenliep, sprak Hij in eene gelijkenis. Een zaaier ging uit om zijn zaad te zaaien. En terwijl hij zaaide, viel een deel langs den weg en het werd vertreden, en de vogelen des hemels aten het op. En een ander deel viel op de rots en opgeschoten verdorde het, doordien het geen vochtigheid had. En een ander deel viel ouder de doornen, en de doornen schoten mede op

2

ocr page 38

18

en verstikten het. Eu een ander deel viel in dei:

de goede aarde en het kwam op en bracht hou- een

derdvoudige vruchten voort. Dit zeggende riep ou;

Hij: die ooren heeft om te hooren, hij hoore : licl

Zijne leerlingen nu vroegen Hem. welke deze gel

gelijkenis was. En Hij zeide tot hen : ü is 't do(

gegeven de verborgenheid van het rijk Gods te mo

kennen, maar den overigen in gelijkenissen, opdat on; zij ziende niet zien en hooreude niet verstaan.

Credo.

en

Bid : Ik geloof in God den Vader ; enz.

Verleen mij o mijn God. door de voorspraak ee

der H. Maagd Maria, de Koningin van den H. ai

Rozenkrans, een vast en onwankelbaar geloof, dat i0 zich, bij alle moeilijkheden, die Uwe goddelijke

Goedheid mij zal gelieven over te zenden, zal ee

doen kennen in alle mijne woorden en werken ; L

en laat mij, o Heer, in dat geloof leven en v

sterven. Amen. sc

Bij de Offerande. di

g

Wees gegroet, Hemelkouinginue, Moeder van v

den Koning der Engelen ; o Maria, als een roos ^ of lelie bloeiend te midden der maagden, bid

uwen dierbaren Zoon voor het welzijn der ge- t(

loovigen. Pasch. Alleluia. j

Gebed. _

Geef ous, smeeken wij U, barmhartige God

dat wij allen, die in de heilige broederschap van c

ocr page 39

19

el in dfu Rozenkrans der Moeder Gods Maria, haren

hou- eenigen Zoon ter eere, zijn ingeschreven, ü, door

riep ouze volmaakte en volkomene toewijding van

oi'e : lichaam en ziel mogen behagen, opdat wij door

deze getrouwe vervulling onzer beloften, in den tijd,

is 't door Uwe tussclienkomst tot de eeuwige belooning

Is te inogeu geraken. Door denzelfden Jezus Christus

pdat ouzen Heer.

;aan. Bij de Prefatie.

Waarlijk, het is waardig, plichtmatig, billijk ea heilzaam, dat wij U, o God, altijd en overal lofzingen, zegenen en verheerlijken, bij de ver-raak eering van den allerheiligsten Rozenkrans der 1 quot;■ altijd zalige Maagd Maria. Die door de over-^at; lommering des H. Geestes, Uwen eenigen Zoon [iJke heeft ontvangen, en met behoud harer maagdelijke z;ll eer, Jezus Christus, onzen Heer, het eeuwig :ei1! Licht aan de wereld geschonken heeft ; Hem, door 1 en 'Wien de Engelen Uwe Majesteit loven ; de Heerschappijen U aanbidden, de Machten U dienen ; de Hemelen en de krachten der Hemelen U bezingen in vereeniging met de Serafijnen. Met hen vereenigen wij onze stemmen en roepen U eer-10?^ biedig en nederig toe :

1 Heilig, heilig, heilig is de God der Heerkrach-

ten ! Hemel en aarde zijn vol van Zijne Majesteit! Hosanna in den hooge!

Bij den Canon.

jod Wij smeeken U, o oneindig barmhartige Vader,

vTan door Jezus Christus, Uwen Zoon, onzen Heer,

ocr page 40

20

met welgevallen ueêr te zien eu liet Offer te zegenen, dat wij U aanbieden : opdat het U be-hage Uwe Kerk te bewaren, te beschermen en te besturen, met al hare leden, den Paus, de Bisschoppen en allen die het H. Geloof belijden.

Bewaar in Uwe liefde ons en al de onzen dooide voorspraak van Maria, de Koningin van den H. Rozenkrans; van de heilige Apostelen Petrus en Paulus eu alle Heiligen ; bevrijd onze ouders, bloedverwanten, vrienden en weldoeners van alle rampen naar ziel en lichaam; schenk ons Uwen vrede en verlos ous van alle zichtbare en onzichtbare vijanden onzer zaligheid. Stort Uwen zegen over ous allen uit door Jezus Christus onzen Heer. Amen.

Beminnelijke Koningin van deu H. Rozenkrans, hulp der Christenen en Troosteres der Bedrukten, zie met barmhartige oogen op ons neder, bid voor en met ons Uwen lieven Zoon Jezus, die zoo aanstonds vol ontferming op onze altaren zal nederdalen.

Hij de Consecratie

Vi ees gegroet. Heilig- Lichaam, geboren uit de zuivere Maagd Maria eu voor ons geslachtofferd op het Kruis. Wees mijn kracht, mijn troost eu mijn voedsel in dit dal van tranen.

Eeuwige Vader, ik offer L1 het allerkostbaarst Bloed van J. C. op, tot voldoening voor mijne zouden, en voor de belaugeu der H. Kerk.

(100 dagen aflaat, Pius VJI, 29 Maart 1817)

ocr page 41

21

Het allerlieilig'ste en goddelijkst Sacrament zij elk oogenblik gedankt en verheerlijkt.

(100 dagen aflaat, Pias Vil, 7 Dec. 1819.)

Xa de Consecratie.

O Jezus, met een onwrikbaar geloof belijd, vereer en aanbid ik U, onder de gedaante van brood en wijn.

O Maria, hoogverheven Eozenkrans-Ivonin-ginne. hoe groot moet uw liefde voor de men-schen geweest zijn, toen Gij onder het Kruis, uwen lieven Zoon hebt opgeofferd. Gij wist, lieve Moeder, dat Zijn dood ons het leven zou geven. Voltooi het werk uwer liefde, o H. Maagd, en bid in deze oogenblikken uwen lieven Jezus, dat de voortzetting van dat H. Offer mij en allen tot zaligheid strekte.

Wees ook onze broeders en zusters gedachtig, die nog in het vagevuur vertoeven: zie met medelijden op hen neêr en verlos hen van alle pijnen; opdat zij U en uwen lieven Zoon in de hemelsche heerlijkheid mogen aanschouwen. Vooral beveel ik uwe barmhartigheid die zielen aan, voor welke ik verplicht ben te bidden, voornamelijk. . .. Zij hebben in hun leven U zoo dikwijls begroet als de Deur des Hemels : o wees hun dan in werkelijkheid de deur. waardoor zij het Paradijs kunnen binnengaan. Ameu.

Pater noster.

Bid hier met aandacht het Onze Vader.

Bevrijd ons, o Heer, van alle kwaad, van de

ocr page 42

22

straften der zonde, van alle tegenwoordige en toekomende rampen; en schenk ons door de voorspraak van de glorievolle, altijd maagdelijke Moeder Gods Maria, de Koningin van den H. Rozenkrans, van de heilige Apostelen Petrus en Paulus en van alle Heiligen Uwen vrede; opdat wij, door Uwe barmhartigheid geholpen, van zonde vrij en van alle onrust bevrijd mogen blijven. Door denzelfden Jezus Christus, onzen Heer, die met U leeft en heerscht in alle eeuwen der eenwen. Amen.

De vrede des Heeren zij steeds met ons. Amen.

A^nus Dei.

Lam Gods, Dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U onzer.

Lam Gods, Dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm IJ onzer.

Lam Gods, Dat wegneemt de zonden der wereld, geef ons den vrede.

Vóór de Communie.

Lieve Jezus! o hoe vurig hebt Gij ons toch bemind! Uw dierbaar Bloed hebt Gij voor ons vergoten; onder ons wilt Gij wonen in liet Heilig Sacrament. Dagelijks zelfs draagt Gij U in het H. Misoffer voor ons, arme zondaren, aan Uwen hemelschen Vader op; en als waart Gij daarmede nog niet tevreden, verlangt Gij zelfs niets vuriger dan ons door de H. Communie op het innigst met U te vereenigen. Hoe ge-

ocr page 43

23

Inkkig zoude ik ziju, wanneer ik U tliaus met den Priester iu mijn liart ontvangen moclit! Maar dewijl dit nu niet werkelijk kan geschieden, bid ik CJ, o ! kom ten minste op een geestelijke wijze in mijn hart. Ik omhels U, alsof ik U werkelijk - ontvangen had en ik vereenig mij geheel en al met U; laat niet toe, dat ik mij ooit van U scheide.

Xa de H. Coinimuiie.

O ! wat zijt Gij liefelijk en schoon in de zoete vreugde uwer maagdelijkheid, H. iloeder van mijn God. De dochteren Sions zagen U in lentedos, te midden der bloeiende rozen en leliën der dalen; daarom hebben zij TJ zalig geprezen en de koninginnen Uwen lof bezongen i. d. P. (Alleluia.)

Gebed.

Zie, o almachtige God, goedgunstig op allen neèr, die de eerbiedwaardige geheimen van den Rozenkrans vieren, door Uwe, in U geloovende Kerk ingesteld, ter eere der altijd Maagd geblevene Moeder Gods Maria, opdat Gij aan allen, die op U betrouwen, de weldaad van Uwen bijstand schenkt, en wij de kracht der geheimen en de vrucht der op ons genomen verplichtingen mogen genieten. Door J. C. onzen Heer. Amen.

ocr page 44

24

Bij den Zog-en.

De zeg-eu van den almachtigen God, deu Vader deu Zoon en den H. Geest, dale over ons neer en blijve altijd met ons. Amen.

Sluitg-ebed.

God van goedheid, ik dank ü, dat ik dit heilig Misoffer heb kunnen bijwonen. Vergeef mij goedertieren mijne lauwheid en verstrooidheid en schenk mij Uwen bijstand om voortaan zóó te leven, dat ik de vruchten van dit H. Offer niet verlieze.

Koningin van den H. Eozenkrans, die de genade van God ontvangen, steeds zorgvuldig bewaard en daarmede getrouw hebt medegewerkt, verkrijg voor mij de gunst, dat dit H. Offer voor mij niet vruchteloos blijve, maar mij sterkte geve om voortaan het pad der deugd te bewandelen en altijd met U en Jezus, Uwen Zoon, vereenigd te blijven.

Na lt;le H. 3Iis.

Driemaal het Vees gegroet.

V ees gegroet, o Koningin, Moeder der barmhartigheid !

Ons leven, onze zoetheid en onze hoop, wees gegroet!

Tot U roepen wij, ballingen, kinderen van Eva ! Tot U smeeken wij, zuchtend en weenend in dit dal van tranen.

ocr page 45

25

Daarom dan onze Voorspreekster, acli! sla op

ons Uwe zoo barmhartige oogen.

En toon ons ua deze ballingschap, Jezus, de gezegende vrucht thvs lichaams. O goedertierene, o meedoogende, o zoete Maagd Maria!

v. Bid voor ons, H. Moeder Gods.

E. Opdat wij waardig worden de beloften van Christus.

Laten wij bidden

O God, onze toevlucht en onze kracht, zie genadig neder op liet volk, dat tot U smeekt, en verhoor barmhartig en goedgunstig, door de voorspraak der glorierijke en altijd onbevlekte Maagd en Moeder Gods Maria, van den H. Jozef, haren Bruidegom, van de H.H. Apostelen Petrus en Paulus en alle Heiligen, de gebeden, die wij storten voor de bekeering der zondaren, voor de vrijheid en de verheffing onzer Moeder de H. Kerk. Door Christus, onzen Heer. Amen.

H. Aartsengel Michaël, verdedig ons in den strijd! Wees onze bescherming tegen de boosheid en de listen des duivels. God gebiede hem, smee-ken wij ootmoedig; en Gij, Vorst der hemelsche legermacht, drijf satan en alle andere booze geesten, die tot verderf der zielen over de wereld rondgaan, door de goddelijke kracht in de hel terug. Amen.

Gedurende de maand Maart zie hl. 108.

ocr page 46

26

GEBEDEN ONDER DE fl. MIS.

VOOR DE GELOOVIGE ZIELEN,

Voorbereideud Gebed.

Almachtige God, die in Uwe reclivaardigbeid eene plaats hebt bereid, waar de zielen, die niet ten volle hebben afgeboet in hun leven, verblijven en lijden, o wij weten het. Uwe barmhartigheid verlangt vurig, dat die zielen worden verlost. Die arme zielen kunnen echter niets voor zich zeiven verdienen ; maar wij kunnen aan Uwe rechtvaardigheid voldoening geven. O Jezus, getroffen door het lijden dier arme zielen, vereenigen wij ons met Uw vurig verlangen en met de begeerte der H. Maagd, en gaan dit H. Misoffer bijwonen tot rust der geloovige zielen en bijzonder voor de ziel van.......O Jezus, neem

onze gebeden in genade aan, en geef aan de arme zielen de eeuwige rust.

Confiteor.

Heer! indien Gij onze ongerechtigheden gadeslaat, wie zal er dan voor U bestaan ? Wees ons dus, o Heer genadig.

Kunt Gij, o God, Uwe straffende hand nog laten rusten op ons en de geloovige zielen, wanneer Gij, Uwen eenigen Zoon in den Olijvenhof om onze zonden tot den dood toe bedroefd ziet?

Om dien vreeselijken doodstrijd, o God, ontferm U over ons en over de zielen in het vagevuur.

ocr page 47

Gebed.

O God, Schepper en Verlosser van alle geloovigen, luister genadig naar ons gebed, waarin wij Uwe barmhartigheid ootmoedig smeeken, dat Gij de zielen Uwer geloovigen, die Gij uit deze wereld hebt opgeroepen, bij Uwe Heiligen wilt toelaten in het rijk van vrede en zaligheid.

Voor ons zeiven vragen wij den bijstand Uwer genade, opdat wij door oprechte boetvaardigheid onze zonden uitwisschen, voortaan voor U alleen leven en de eeuwige rust eenmaal mogen binnengaan, die wij aan de geloovige zielen toewenschen. Door Jezus Christus, onzen Heer. Amen.

Epistel.

Ik hoorde eene stem uit den Hemel, die mij zeide: „Schrijf! Zalig zijn de dooden, die in den Heer stervenquot;.

„Van nu af, sprak de Geest, rusten zij van hunnen arbeid uit; want hunne werken volgen henquot;.

Evangelie.

In dien tijd sprak Martha tot Jezus: „Heer! iudien Gij hier geweest waart, mijn broeder zou niet gestorven zijn. Doch ook nu geloof ik nog, dat God U alles verleent, wat Gij Hem vraagtquot;. En Jezus sprak tot haar: „Uw broeder zal verrijzenquot;. Martha antwoordde: „Ik weet, dat Hij verrijzen zal bij de verrijzenis der dooden op den jongsten dagquot;. Daarop zeide Jezus: „Ik ben de Verrijzenis en het Leven, die in Mij gelooft, zal

ocr page 48

leven, al ware hij ook gestorven; en ieder, die leeft en in Mij gelooft, zal in eeuwigheid niet sterven. Gelooft gij ditquot; ? ..Ja Heer — zeide zij — ik geloof, dat Gij de Christus zijt, de Zoon van den levenden God, die in deze wereld zijt gekomenquot;.

Olïeramle.

Heer Jezus Christus, Koning der glorie, verlos de zielen van alle geloovige overledenen van alle pijnen des vagevuurs. UwhemelscheHeirvoerder, de heilige Michael, brenge haar tot het aanschouwen van dat heilige licht, dat Gij aan Abraham en zijne nakomelingen beloofd hebt. O Heer! wij bieden U offers en lofzangen aan ; neem ze genadig aan voor die zielen, voor welke thans dit H. Offer wordt opgedragen. H. Moeder Gods, Moeder der geloovige zielen, bied in onzen naam en ia onze plaats deze H. Offerande en onze gebeden aan den hemelsehen Vader aan, tot lafenis van alle zielen in 't vagevuur, maar vooral van die het meest verlaten zijn.

Gebed.

O God, zie genadig neder, op de heilige Offerande, die wij ü in vereeniging met den Priester tot lafenis der geloovige zielen en bijzonder voor

de ziel van........opdragen: en daar zij eens

in het geloof aan ü, als Uwe vrienden op aarde leefden, wees haar nu genadig eu voer ze in het gezelschap uwer uitverkorenen. Door Jezus Christus, onzen Heer. Amen.

ocr page 49

29

Prefatie.

Heilige en almachtige Vader, het is waarlijk waardig en rechtvaardig, billijk en heilzaam, dat wij U altijd en overal dankzeggen, door Christus onzen Heer. Door.Wien de Engelen Uwe Majesteit loven, de Heerschappijen U aanbidden, de Machten sidderen, de Hemelen en de Krachten der Hemelen en de gelukzalige Serafijnen ü met eenparige jubelzangen verheerlijken. Wij smeeken U, tegelijk met hunne stemmen ook de onze aan te nemen, terwijl wij U nederig lovende, zeggen :

Heilig, heilig, heilig, de Heer, de God der Heerscharen! Hemel en aarde zijn vervuld van Uwe glorie. Hosanna in den Hooge! Gezegend Hij. die komt in den naam des Heeren! Hosanna in den Hooge!

(Zie verder de voorgaande Mis bladzijde 19 tot aan de

Agims Dei.

Lam Gods, Dat de zonden der wereld wegneemt, geef haar rust.

Lam Gods, Dat de zonden der wereld wegneemt, geef haar rust.

Lam Gods, Dat de zouden der wereld wegneemt, geef haar eeuwig rust.

Coiuinuuic.

O Jezus, mocht ik zoo gelukkig zijn, met den priester U in mijn hart te out vangen, om den dorst mijner ziel te lesschen. Maar nu ik dit

ocr page 50

30

niet op eeiie waardige wijze verricliten kau, zoo wenscli ik tocli vurig mij op eeue geestelijke wijze met ü te vereeuigeii. Ik bid U, dierbare Jezus, mij Uwe liefde te schenken, eu wees, om wille Uwer lieve Moeder Maria, den geloovigeu zielen genadig.

Xa de ('omimmie.

Doe Heer, om wille Uwer barmhartigheid de geloovige zielen het eeuwig licht aanschouwen met Uwe Heiligen.

Heer, geef haar de eeuwige rust; en dat het eeuwig licht haar verlichte.

Om wille Uwer barmhartigheid, doe haar het eeuwig licht aanschouwen.

Laatste Gebeden.

Almachtige God, wij bidden U, verleen genadig, door de heilige Offerande, die wij U in vereeniging met den priester, tot lafenis der geloovige zielen hebben opgedragen, en vooral voor de ziel van......... dat zij volkomen vergeving, kwijtschelding van alle straffen en de eeuwige rust erlangen mogen. Door Jezus Christus, Uwen Zoon, Die met U en den H. Geest leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Bij liet einde der H. Mis.

Groote God, ook mij zult Gij eens naar de eeuwigheid roepen. Maar wanneer? Misschien is de dood niet ver meer van mij verwijderd! O,

ocr page 51

31

leer mij daarom, deu korten tijd mijns levens getrouw mijne plichten vervnllen; opdat ik in het doodsuur mij gerust op Uwe barmhartigheid kunne verlaten. Geef, dat ik niet uitstelle mijne zaligheid te bewerken, opdat de nacht des doods, mij niet onverwachts overvalle. Laat mij nooit vergeten, dat niets mij in de eeuwigheid volgen zal, dan alleen mijne goede werken. Leer mij daarom de zonde vermijden, het goede doen en geduldig lijden. Schenk mij de genade der volharding ten einde toe, en eene plaats in Uw Koningrijk. Amen.

Hierna de „De profundis.quot; (Zie bladwijzer.)

ocr page 52

Osfeiiiupi voor de BiecM.

(Volgens de H. Leonardos a Porte Mauritio.)

Opwekking tot berouw.

Mijne ziel, ach! beween uwe zonden, verzaak ze uit geheel uw hart en neem u vast voor ze oprecht te belijden. Want door die zonden hebt gij God, uwen Vader, beleedigd, die u als Zijn kind heeft aangenomen en erfgenaam maakte des , hemels. Gij hebt God beleedigd, uw hoogste goed, de bron van alle weldaden en genaden, terwijl Hij u met zijne gansten overlaadde.

Beween uwe zonden, mijne ziel; want gij hebt daardoor een God beleedigd, Die uit liefde tot u is mensch geworden. Arm is Hij geboren in Beth-lehems stal, arm en onbekend heeft Hij geleefd in het huisje van Nazareth, om voor uwe zonden te boeten. Voor die zonden is Hij tot den dood toe bedroefd geweest in den hof van Olijven. Voor die zonden heeft Hij Zich laten binden en mishandelen, beschimpen, bespotten, bespuwen, gee-selen, met doornen kroonen. Uit liefde tot u, en om voor uwe zonden te boeten, heeft Hij den zwaren kruisbalk gedragen. Aan dat kruis heeft Hij zich laten vastnagelen; aan dat kruis is Hij gestorven, uit liefde tot u, om te voldoen voor uwe zonden. Gij hebt een God beleedigd, Die voor al Zijne weldaden niets anders van u heeft ge-

ocr page 53

vorderd, daii bemind te worden, en die liefde enkel vorderde, om u in dit eu het ander leven gelukkig-, eenwig gelukkig te doen zijn.

En dien God, Die u bemint, als den appel Zijner oogen, hebt. gij vergramd! Ach, mijne ziel, hoe is 't mogelijk, dat gij toch zoo ondankbaar hebt kunnen zijn? Kunt gij aan Gods liefde denken en aan uw ontrouw zonder dat u het hart van droefheid breekt, zonder dat het woord u over de lippen komt: „mijn God, mijn God, die zonden zijn mij van harte leed?quot; Mijne ziel, gij hebt door de zonden zoo menigmaal reeds verdiend gestraft te worden, gij hadt reeds voor eenwig kunnen verwezen zijn naar de straffen der hel. Doch in overmaat van goedheid schonk God u keer op keer vergiftenis. Xu weder, na andermaal gevallen te zijn, scheukt Hij u tijd en genade om boete te doen en vergeving te bekomen. O mijne ziel, begin dan van dit uur af, uwe zonden voor eeuwig te haten en God te beminnen uit geheel uw hart.

Ach, mijn God, heb medelijden met mij, armen zondaar. Ik verzaak mijne zouden uit den grond van mijn hart. Ik zal ze oprecht belijden, voortaan U beminnen, en ü nimmermeer beleedigen.

Gebed vóór de Biecht.

Zie mij hier, o mijn God, vol droefheid voor U neergeknield. Ach, ik verlang zoo vurig door een waardige biecht mij met ü te verzoenen. Maar, mijn God, zonder Uwen bijstand vermag

3

ocr page 54

3i

ik uiets. Verlicht mij om al mijne zonden te kennen; stel mij levendig hare snoodheid, hare afschuwelijkheid voor oogen; opdat ik ze uit geheel mijn hart verfoeie. O Bron van barmhartigheid. ik nader tot TJ om gereinigd te worden 1 Zon van rechtvaardigheid, verlicht mij, armen blinde! Goddelijke Geneesheer, genees dezen kranke! Zuivere Liefdevlam, doe mijne ziel van wederliefde branden! O, moge deze H. Biecht mij eens van leven doen veranderen. Moge ik. na gezuiverd te zijn, mij nimmermeer van U. o Jezus verwijderen.

(Gewetensonderzoek.)

Acte van Beromv.

Mijn God, Gij hebt mij geschapen om U te beminnen. Van mijne kindsche jaren af hebt Gij mij met weldaden overladen, om mij tot wederliefde te bewegen: en ach, ik heb ze misbruikt om U te vergrammen! Wat ben ik ondankbaar geweest, o mijn Godl Door eigen schuld heb ik Uwe liefde, Uwe genade. Uwe vriendschap verloren. Door eigen schuld heb ik mij vau het erfdeel des hemels beroofd. Ik sidder en beef, wanneer ik er aan denk, dat ik reeds voor eeuwig verworpen had kunnen zijn. O, wanneer de dood mij onverwacht had weggerukt, ik lag voor eeuwig in de hel. Maar Gij biedt mij op nieuw Uwe genade aan; Gij geeft mij nog tijd om mij te bekeeren, om mijne zonden te beweenen. Ik kan alles nog herstellen door een oprecht berouw.

ocr page 55

35

O God, wat zijt Gij toch oueindig- goed. Die goedheid grijpt mij aan, eu ik beween mijue zouden, vooral omdat ik daardoor U, die de goedheid zelve zijt, heb vergramd. Ik lm at en verzaak ze uit liefde tot TJ. Ik zal ze oprecht belijden. Ach, Jezus, voortaan geen zouden meer.

Gebed tot Maria.

Neergeknield aan uwe voeten, o lieve Moeder Maria, in deze heilige plaats, door U boven duizenden uitverkoren, om ons uwe overvloedige weldaden mede te deelen, roep ik uwe hulp eu uwen bijstand in. Wees gegroet, zoete Troosteres der bedroefden, die hier uw genadetroou hebt gevestigd, om alle bedrukten liefdevol te ontvangen, alle smeekingen aan te hooren en alle zielen door inwendigen troost te verkwikken! Goede Moeder, laat mij, ongelukkige, bij U hulp en troost vinden. Ach, ik heb Jezus, nwen Zoon, door mijue zonden beleedigd; ik heb uw moederhart bedroefd. Maar ik wil doen wat in mijn vermogen is, om mijue ziel te zuiveren. O voer mij tot Jezus, en bid voor mij uwen lieven Zoon om genade en barmhartigheid. Met Hem verzoend zal ik U beter kunnen vereereu eu meer zegen van ü verwerven. Lieve Moeder, bid voor uw kiud!

Gebed na de Biecht.

Lieve Jezus, wees in eeuwigheid gedaukt! Gij hebt mij mijne zonden vergeven. Gij hebt mij het kleed der onschuld teruggeschonken en mij

ocr page 56

36

op nieuw hersteld in mijne rechten op mijn eeuwig erfdeel. Loof, mijne ziel, den Heer, en wil Zijne weldaden niet vergeten. O mijn God, ik gevoel mij thans zoo gelukkig! Maar ach, wanneer ik er aan denk, dat ik nog altijd in staat hen U te vergrammen, en dieper nog te zinken dan voorheen, dan grijpt vrees en droefheid mij aan. Ik hen zoo zwak, o mijn God, ik hen zoo onstandvastig! Ach! sta mij daarom hij met Uwe genade, bescherm mij in de bekoringen en laat mij liever sterven, o mijn Jezus, dan U op nieuw te beleedigen.

Ja, mijn besluit is genomen, nimmermeer wil ik zondigen. Ach, hadde ik U toch nooit bedroefd ! Kon ik al die bedreven zonden ongedaan maken! Nu zal ik ten minste trachten, in mijn volgend leven, alles te herstellen. Ik wijd mij geheel aan U toe, al mijn doen en laten zij aan uwen dienst gewijd, ü wil ik toebehooren, in leven en in dood.

Lieve Moeder Maria, ik ben met Jezus verzoend, en daartoe hebt Gij zooveel bijgedragen. Ik dank er TJ oprecht en hartelijk voor. Ik heb gezegd met David, den grooten boeteling, „nu zal ik beginnen;quot; maar ach, goede Moeder, dat heb ik zoo dikwerf reeds gezegd, en ik werd toch ontrouw aan mijne beloften. Gij kent de zwakheid, de ongetrouwheid van uw kind. Lieve Moeder, sta mij daarom bij in alle gevaren des levens. Bid voor mij, opdat ik getrouw blijve aan mijne goede besluiten, en nimmermeer in de zonde hervalle. Amen.

ocr page 57

37

Daukirebed van den Gelz. Henricus Suso.

Allerbarmhartig'ste Vader, bemiimelijke Bniide-gom mijner ziel, eeuige vreugde van mijn hart. Gij hebt mij dan willen vergeven, ondanks mijne ellende en onwaardigheid! Welk een genade! Welk een goedheid! Welk een erbarming! Ik aanbid U, ik zegen U, ik dank U, ik werp mij aan Uwe voeten neder en bied U, als dankoffer Uwen eenigen Zoon, die voor mij stierf aan het kruis. Zijn armen, aan het kruis tot U uitgestrekt, zijn voor mij lieflijker dan de boog aan den Hemel die Uwen dienaar Noach verzoening aankondigde. Door Hem hebt Gij wederom ook mij een teeken gegeven, dat alles tusschen U eu mij vergeten is.

Ja, in de armen van den gekruisten Jezus, gevoel ik mij herboren. Ik dring door in Zijn wonden: ik hecht mijne ziel aan de Zijne, mijn hart aan Zijn Hart, om in leven en dood niet meer uit zijn teedere omhelzingen gerukt te worden. Voortaan liever de dood en de pijnen des vage-vuurs, dau nog ooit mijn Heer en Verlosser te beleedigen.

O geef mij nu zulk een droefheid, dat er mij het hart van breke. Ik wilde sterven van berouw, want met hoe meer liefde Gij mij vergeving hebt geschonken, met des te bitterder smart verwijt ik mij, U ooit te hebben beleedigd, en ooit zoo ondankbaar jegens Uwe eindelooze liefde te zijn geweest.

ocr page 58

38

Dank, o eeuwige Wijsheid, voor de genezing mijner wouden; geen schepsel had die kunnen lieelen. Maar van nu af aan ook, wil ik in mijn lichaam de teekeuen dragen dat ik TJ bemin; de geheele wereld, zelfs de Engelen en Heiligen zullen weten, dat ik niet onverschillig ben voor do oneindige liefde, waarmede Gij een hopeloozen ongelukkige gered hebt. O! ik geef U dan geheel mijn wezen, alles wat ik heb ; nooit, nooit meer zal ik het terug nemen. Ik hecht mij geheel aan Uw kruis. Ik wil het goede doen, met vreugde, kracht en standvastigheid. Mijn ongestadig hart zal ik aan het Uwe vasthechten, mijn nog verstrooiden geest met iedere gedachten aan U kluisteren. Ik wil nimmermeer tot mijn vorige lauwheid wederkeeren, nooit mijn eigen wil volgen. Met vurigheid zal ik mijne geestelijke oefeningen houden al zal mijn lichaam, welks rust en lust ik nimmermeer wil zoeken, ev onder moeten lijden. Ik zal mij trachten te vereenigingen met U, door teleurstelling, vernedering en beproeving onderworpen aan te nemen. Ik zal U, mijn ge-kruisten Koning opbeuren en sterken door mijn strijd tegen mijn kwade natuur. Ik zal U troosten door mijn versterving, verheugen door mijn afschuw en haat tegen de zonde. Uwe smarten verzachten door mijne innige gehechtheid. U doen gloeien van liefde voor mij, door mijne liefde jegens U. Maria, Moeder der heilige volharding; al mijn hoop is op U gesteld, geef mij getrouw te zijn aan mijne beloften, nu en tot in het uur van mijnen dood. Amen.

ocr page 59

Oefeuiiip Tóór de H. Commnnie.

Oefeniug' van Geloof.

llijn Jezus, ik geloof vastelijk, dat Gij met lichaam en ziel, met Godheid en Menschlieid in het H. Sacrament tegenwoordig zijt. Ik geloof, dat ik in de H. Communie dienzelfden Jezus nuttig, die voor mij mensch geworden, geboren, gestorven en verrezen is. Ik geloof, dat dit H. Sacrament het eeuwig leven geeft aan hen, die het waardig ontvangen. Dit alles geloof ik, o Jezus; maar ik bid U, vermeerder mijn geloof aan uwe heilige tegenwoordigheid in het aanbiddelijk Sacrament.

Oefening1 van Hoop.

O mijn Jezus, Gij zijt mijne hoop. Op U stel ik geheel mijn vertrouwen. Ik hoop vastelijk, dat Gij, bij uwe komst in mijne ziel, haar zult reinigen, zult heiligen en met hemelsche verlangens vervullen, om voor IT alleen te leven.

Heiligmaker der zielen, heilig mij; en wanneer Gij tot mij zult gekomen zijn, o, blijf dan bij mij, lieve Jezus; want als ik U bezit, ben ik rijk genoeg.

ocr page 60

40

Oefening- van Liefde.

O Jezus, mijue Liefde, wat zijt Gij goed, wat zijt Gij beminnelijk!

Gij gaat ü geheel eu al in de H. Communie aan mij wegschenken! Mijn God, ik bemin ü uit geheel mijn hart, met al de krachten mijner ziel. Ik bemin U meer dan mij zeiven; want Gij zijt het eenig voorwerp mijner verlangens. O, hadde ik duizend tongen om U te loven, en een hart, aan dat uwer lieve Moeder Maria gelijk, om U te beminnen ! Mijne ziel, bemin uwen Jezus, want Hij alleen is waardig bemind te worden. O Maria, mijne Moeder, bid voor mij, opdat ik Jezus boven alles beminne.

Oefeninff Tan Berouw.

Mijn God, wat zijt Gij toch oneindig goed! Zoo menigmaal heb ik Uwe liefde versmaad, Uwe weldaden met ondank vergolden, en Gij hebt mij telkens vergiffenis geschonken niet alleen, maar mij ook weder in genade aangenomen. Gij noemt mij weder Uw vriend. Uw kind, Uw lieveling, en noodigt mij heden weêr uit, aan Uw goddelijk Gastmaal te komen aanzitten, om mijne ziel te voeden met Uw eigen Vleesch en Bloed.

O, mijn God, wanneer ik Uwe oneindige goedheid overweeg, ach! dan begrijp ik eerst, hoe ondankbaar ik geweest ben. Ik heb den besten der Vaderen beleedigd door de zonden. Mijn Jezus, ik heb er innig berouw over. Vergeef mij mijne

ocr page 61

41

menigvuldige overtredingen. Voortaan zal ik U niet meer beleedigeu, o mijn God. Wasch mij daarom in Uw dierbaar Bloed, en maak van mijn hart, eene ü waardige woonplaats.

Lieve Moeder Maria, o verwerf voor mij een op-reclit berouw over mijne zonden, eu bid voor mij, opdat ik Jezus in een rein en zuiver hart ontvange eu nooit meer verlieze. Amen.

Oefening van Verlaniren.

Zie, mijne ziel, het oogenblik is daar, dat gij uwen lieven Jezus zult ontvangen. In de H. Communie wacht u de Koning der Koningen, de Heer der Heerscharen: daar wacht u, uw Vriend, uw Vader, uw Bruidegom, de Vreugde des Hemels, de Blijdschap der Engelen. Zie uw Bruidegom komt, ga Hem te gemoet. Wel hoe. mijne ziel, zijt gij nog koud, en brandt gij niet van verlangen om met dat hemelsch Manna gevoed te worden? Ach, de overmaat der goddelijke barmhartigheid moest u doen branden van liefde, eu gij blijft nog ongevoelig! Denk er aan, mijne ziel. in dien gij slechts éénmaal in uw leven de H. Communie kondet ontvangen, met welk een ijver, met welk een vurig en brandend verlangen, zoudt gij dan tot dat H. Gastmaal naderen? Eu nu, nu gij zoo menigmaal moogt aanzitten aan dien hemelschen Bruiloftsdisch, nu zijt gij loom en traag! O verzucht naar uwen Jezus, verlang naar Hem, gelijk het dorstig hert naar de frissche watereu, en zeg tot den Bruidegom uwer ziel: ja Jezus, ik kom.

ocr page 62

42

Lieve Jezus, kom, om mijne ziel te voeden. Goede Herder, kom, om mij te geleiden. Kom, Licht dei-zielen, Verkwikker der harten! kom. Troost der bedrukten. Kom, o Jesus, Wellust van mijn hart, reikhalzend verlang- ik naar U. Ach kom, en toef niet langer. Zonder U kan mijne ziel niet leven. Kom daarom, mijn Jesus, ik smeek het Tl, kom!

Lieve, Moeder Maria voer mij aan uwe hand tot Jezus; verwijder van mij alles, wat mijne ingetogenheid storen kan. Schenk mij een levend geloof, diepen ootmoed, onwankelbaar vertrouwen, vurig verlangen en brandende liefde; om Jezus in een rein en zuiver hart te ontvangen. Bid Hem, dat Hij mij met Zijue zegeningen vervulle. en dat deze H. Communie mij en allen, die mij dierbaar zijn, vol verdiensten moge wezen. Amen.

Gebed na de H. Communie.

Wees welkom, lieve Jezus, wees welkom in mijne ziel. O, ik heb zoo vurig naar Uwe komst verlangd. Ja, ik weet wel, dat mijn hart voor IJ geen waardige woonplaats is, en ik zou met Petrus wel tot ü willen zeggen; ..Heer, ga van mij, want ik ben een zondig menschquot;. Maar ik smeek het U, lieve Jezus, ach neen, ga niet weg van mij; want als Grij mij verlaat, blijft niets mij over; ach! zonder U ben ik de armste van allen.

Maria, mijne lieve Moeder, en Gij Engelen en Heiligen des hemels, leent mij uwe van liefde

ocr page 63

43

brandende harten ; opdat ik Jezus liefhebbe, zooals Gij.

(Bid hier om alles, wat Gij voor U zelveu wenscht, en voor allen, die u dierbaar zijn, of voor wie gij verplicht zijt te bidden. Vraag veel, vraag vurig, met volharding, met vertrouwen. Vergeet ook de geloovige zielen in het vagevuur niet.)

Oefening1 van Vaukzeg'sring'.

O Jezus, ik dauk U uit den grond van mijn hart, dat Gij U gewaardigd hebt tot mij te komen en de spijs mijner ziel te worden. Wat zal ik U wedergeven, lieve Jezus, voor zooveel goedheid, voor zulk eene onbegrijpelijke weldaad? Hoe zal ik U dit naar waarde vergelden! Wat zal ik doeu? O Maria, ik weet het, ach! ik heb niets en ik vermag niets om Jezus' liefde te vergelden. Ik bid U, dank Hem voor mij. En Gij, Engelen eu Heiligen des hemels, helpt mij Jezus dank zeggen, looft en prijst Hem in mijne plaats voor Zijne oneindige goedheid.

Vertroiiwvol Gebed.

O mijne ziel, gij zijt thans een levende tempel, waarin de God van hemel en aarde woont! Jezus rust in uw hart! 't Is nu tijd om te vragen, om van Jezus alle gunsten en weldaden voor u en de uwen af te bidden. Nu staan de hemelen open ; nu ziet de oneindig Barmhartige met liefde op u neèr, nu zijt gij een voorwerp van Zijn eeuwig welbehagen. O mijne ziel, verlies toch geen enkel

ocr page 64

44

dezer onwaardeerbare oogenblikken. Verruim uw hart, verlevendig uw geloof, vraag met kinderlijk vertrouwen, eu Jezus, uw Vriend, zal u niets weigeren.

O Jezus, Gij zijt dan in mijn hart neêrge-daald om mij Uwe weldaden te schenken. Ja, Gij uoodlgt mij zelfs uit U die te vragen. Hoor dan, lieve Jezus, wat mijn hart U vraagt. Ach, Heer, geef mij meer geloof, meer vertrouwen, meer liefde en vooral een waar berouw over mijne zonden. Schenk mij ootmoedigheid, zuiverheid en geduld; in één woord, geef mij alle deugden en ruk alle ondeugden uit mijn hart. Verander dat hart, dat vol eigenliefde is, en geef mij een nieuw hart, dat geheel overeenkomt met Uwen H. Wil; dat altijd alleen Uwe eer zoekt; dat al zijne neigingen, al zijne verlangens en wen-schen tot U stiert; dat ü alleen, boven alles, in allen en alles bemint. Schep in mij een zuiver hart en vernieuw den rechten geest in mijn binnenste. Mijne ziel is uwe woning, Uw tempel, en Gij, o God, zijt een overheerlijken tempel waardig. Wel hoe, zou ik dan geen groote gunsten vragen aan zulk een grooten en goeden God? Geef mij dan, o Jezus, wat ik U vraag, verhoor mij om de liefde, die Gij mij toedraagt, en om de verdiensten Uwer lieve Moeder Maria, die haar kind, zoo gaarne rijk begunstigd ziet.

Acte van Toewijding-.

Mijn Jezus, nu Gij U geheel aan mij gegeven

ocr page 65

45

kebt, eisclit de dankbaarheid ook vau mij, dat ik mij geheel en al aan U wegscheuke. Door Uwe komst hebt Gij mij geheiligd. Miju geheugen wijd ik U, opdat ik voortaan aan U alleen denke. Miju verstand, opdat ik het gebruike dan om U alleen voortaan te beminnen. Als eene eeuwige offerande wijd ik U vooral mijn hart. O Jezus, verteer, door Uw goddelijk liefdevuur, al wat daarin het Uwe uiet is. Amen.

Gebed tot de H. Maag-d Maria.

Van de.v H. Augustinus.

Ü Maria! door Uw toedoen heb ik wederom Uwen goddelijken Zoon in mijn hart. Wie zal U toch waardig kunnen dankzeggen en loven voor alles wat Gij voor ons doet? Welke lofzangen zal het zwakke geslacht van de kinderen der menschen U brengen, door wie ons alle verkwikking toekomt. Ontvang deze mijne dankzegging, hoe klein en gering zij ook moge zij in vergelijking met Uwe weldaden. Ontvang onze begeerten en beloften, maar verontschuldig onze fouten door Uwe gebeden. Laat onze gebeden den toegang vinden tot de schatkamer Uwer barmhartigheid en verwerf ons de genade der verzoening. Verontschuldig ons bij God, door Uwe gebeden. Laat ons verwerven door U, wat wij Hem vragen. Gij zijt de eenige hoop der zondaren, door U hopen wij op vergiffenis onzer misdaden en verwachten wij onze zalige belooning.

ocr page 66

40

Heilige llaria, kom de ellendigen te hulp, sta de kleinmoedigea bij. vertroost de weenenden, bid voor liet volk, wees de voorspraak onzer priesters, laat allen, die Uwe gedachtenis viereu. Uwe hulp ondervinden. Verschoon welwillend allen, die tot U bidden, en schenk ons ge-wenschte uitkomst. Bid altoos voor het volk Gods. Gij die verdiend hebt, ons te schenken den Verlosser der wereld, die leeft en heerscht in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Ootlvniehtiire vorzuchlinsren van den H. Thomas van \(|uine.

Ziel van Christus, heilig mij.

Lichaam van Christus, maak mij zalig.

Bloed van Christus, verheug mij.

Water van Christus' zijde, wasch mij.

Lijden van Christus, versterk mij.

O goede Jezus, verhoor mij.

In Uwe H. Wonden, verberg mij.

Laat niet toe, dat ik van U gescheiden worde.

Tegen den boozen vijand, bescherm mij.

In het uur des doods, roep mij.

En gebied, dat ik tot U kome ;

Opdat ik U met Uwe Heiligen love

In de eeuwen der eeuwen. Amen.

* Pius IX heeft den 9(len Januari 1854 een aflaat verleend Tan 1300 dagen aan alle geloovigen, lederen keer, als zij dit gebed met een rouwmoedig hart bidden.

Een aflaat van 7 jaren, eens op een dag. aan alle Priesters, na hunne H. Mis : en aan alle geloovigen na hunne H. Communie.

ocr page 67

47

Een vollen aflaat eens in de maand, op een dag naar verkiezing, voor hen, die ten minste eenmaal daags gedurende eene maand, rouwmoedig dit gebed zullen gebeden Lebben, na gebiecht en gecommuniceerd te hebben en in eene openbare kerk of kapel eenigen tijd bidden naar de meening van den Paus. Deze aflaat is ook toevoegelijk aan de zielen in het Vagevuur.

(Gedeeltelijk vóór en ua de H. Commuuie kan men den heerlijken lofzang van den H. Bernardus bidden. Zie bladwijzer.)

ocr page 68

Volle aflaat voor allen die, gebiecht en gecommuniceerd hebbende, godvruchtig het volgende gebed vóór een kruisbeeld geknield, zullen bidden, en de belangen der H. Kerk aan God zullen aanbevelen. Pius VII, 10 April 1821. Toevoegelyk aan de geloovige zielen. Leo XII, 17 Sept. 1852.

Zie, o goede eu allerzoetste Jezus, ik werp mij voor het aangezicht Uwer goddelijke Majesteit op de knieëu, eu bid en bezweer U met de grootste vurigheid des gemoeds, dat Gij levendige gevoelens van geloof, hoop eu liefde, vau waarachtig leedwezen over mijne zonden, en een zeer krachtigen wil om die uit te boeten, gelieft in te storten : terwijl ik met innig medelijden en diepe smart Uwe vijf Wonden beschouw en daarbij overweeg, wat reeds de profeet David voorspellend U, o goede Jezus, in den mond legde: .,Zij hebben Mijne handen en voeten doorboord! zij hebben al Mijne beenderen geteld.quot;

ocr page 69

TWEEDE AFDEELING.

Litanie van den Zoeten Naam Jezus.

Z. H. Paus Leo XIII heeft een aflaat van 300 dagen verleend, eenmaal daags te verdienen, toevoegelijk aan de zielen in het vagevuur, aan een ieder die berouwvol en eerbiedig deze Litanie zal bidden. 16 Januari 1886.

Kyrie, eleison.

Christe, eleison.

Kyrie, eleison.

Jesn, audi nos.

Jesn, exaudi nos.

Pater de ccelis Deus,

Fili Kedemptor mun-

di Deus,

Spiritus Sancte Deus, ~ Saucta Trinitas, unus § Deus, 3

Jesu, Fili Dei vivi, =

' O

st

•Tesu, splendor Patris, v

Jesu, candor lucis fe-

tern;e,

Jesu, rex gloriae,

Jesu, sol justitiie.

Heer, ontferm ü onzer. Cliristas,ontfermU onzer. Heer, ontferm U onzer. Jezus, hoor ons.

Jezus, verhoor ons. God, hemelscheVader, God Zoon, Verlosser q der wereld, 5-

God, heilige Geest, S. Heilige Drievuldig- ® lieid, één God, ^ Jezus, Zoon van den 2 levenden God, g Jezus, glans des Vaders,

Jezus, glans van het

eeuwig licht,

Jezus, koning der glorie,

Jezus, zou der rechtvaardigheid,


4

ocr page 70

50

Jesu, Fili Marise Vir-

ginis,

Jesu, araabilis,

Jesu, admirabilis,

Jesu, Deus fortis,

Jesu, Pater futuri sre-culi,

Jesu, magni consilii Angele,

Jesu, potentissime,

Jesu patientissime,

Jesu, obedientissime. amp;

t-S

CD

Jesu, mitis et liumi- g lis corde, p

' O

c

Jesu, amator castita-tis,

Jesu, amator uoster, Jesu, Deus pacis,

Jesu, auctor vit;e,

Jesu, exemplar virtu-tum,

Jesu, zelator anima-rum,

Jesu, Deus noster,

Jesu, refugium nostrum.

Jezus, Zoon der Maagd

Maria,

Beminnelijke Jezus, Wonderbare Jezus, Jezus, sterke God, Jezus, vader der toekomende eeuwen, Jezus, verkondiger van het groote raadsbesluit. Allermachtigste Jezus, Allergeduldigste Je-

zus, ®

Alle rgehoorzaamste § Jezus, §

Jezus, zachtmoedig „ en ootmoedig van 0 harte, g

Jezus, minnaar der r-

zuiverheid,

Jezus, onze minnaar, Jezus, God des vredes, Jezus, oorsprong des

levens,

Jezus, toonbeeld der

deugden,

Jezus, ijveraar der

zielen,

Jezus, onze God,

Jezus, onze toevlucht.


ocr page 71

51

Jesu, pater paupe-rum,

Jesu, thesaurus fide-lium,

Jesu, bone Pastor,

Jesu, lux vera,

Jesu, sapientia seter-na,

Jesu, bonitas infinita,

Jesn, via et vita nostra,

Jesu, gaudium Ange-lorum,

Jesu, rex Patriar- S cliarum, ^

' CD

Jesu, magister Apos- ® tolorum, p

C

Jesn, doctor Evan- £ gelistarum,

Jesu, fortitudo Mar-tyrum,

Jesu, lumen Confes-sorum,

Jesu, puritas Virgi-uum.

Jesu, corona Sanctorum omnium,

Propitius esto, paree nobis, Jesu,

Jezus, vader der armen,

Jezus, scliat der ge-

geloovigen,

Jezus, goede Herder, Jezus, waarachtig licht,

Jezus, eeuwige wijsheid,

Jezus, oneindige goedheid,

Jezus, onze weg en

ons leven,

Jezus, blijdschap der

Engelen, O

Jezus, koning der Pt Oudvaders, 5

Jezus, meester der

Apostelen.

Jezus, leeraar der » Evangelisten, f? Jezus, sterkte dei-

Martelaren,

Jezus, licht der Belijders,

Jezus, zuiverheid der

Maagden,

Jezus, kroon van alle

Heiligen,

Wees genadig, spaar ons, Jezus!


ocr page 72

52

Propitins esto, exaudi

nos, Jesn.

Ab omui malo, libera

nos, Jesu.

Ab omni peccato,

Ab ira tua,

Ab iusidiis diaboli, A spiritu fornicatio-nis,

A morte perpetua,

A neglectu inspiratio-

nnm tnarnm, Per mysterinm sauc- E toe lucarnationis §quot; tnlt;e, 82

Per nativitatem tnara, 5 Per infantiam tuam, quot; Per divinissimam vi- » tam tuam, r

Per labores tuos, Per agoniam et pas-

sionem tuam, Per crucem et dere-

lictionem tuam. Per lauguores tuos, Per mortem et sepul-

turam tuam, Per resurrectionem

tuam,

Per asceusionem tuam,

Wees genadig, verhoor

ons, Jezus!

Van alle kwaad, verlos

ons, Jezus!

Van alle zonden. Van Uwe gramschap. Van de lagen des duivels, Van den geest der

onkuischheid. Van den eeuwigen dood,

Vandeverwaarloozing

Uwer inspraken,

Door het geheim Uwer

H. Menscliwording, g-

02

Door Uwe geboorte, | Door Uwe kindsheid,

C—)

Door Uw goddelijk ® leven, g

Door Uwen arbeid,

Door Uwen doodstrijd

en Uw lijden.

Door Uw kruis en Uwe verlatenheid, Door Uwe droefheden. Door Uwen dood en

Uwe begrafenis.

Door Uwe Verrijzenis,

Door Uwe Hemelvaart,


ocr page 73

53

Per gaudia tua, Per gloriam tuam,

Agnus Dei, qui tollis peccata mundi, parce uobis, Jesu.

Agnus Dei, qui tollis peccata mundi, exau-di uos, Jesu.

Agnus Dei, qui tollis peccata mundi, miserere nobis, Jesu.

Jesu, audi uos.

Jesu, exaudi nos.

Oremus.

Domine Jesu Christe, qui dixisti: Petite, et accipietis; quterite, et inveuietis; pulsate, et aperietur vobis, qufesu-mus; da nobis petenti-bus, divinissimi tui amo-ris affectum, ut te toto corde, ore, et opere di-ligamus, et a tua nun-quam laude cessemus. Per eumdem Dominum.

Door Uwe vreugden, Door Uwe glorie, Lam Gods, dat wegneemt de zouden der wereld, spaar ous, Jezus! Lam Gods, dat wegneemt de zonden dei-wereld, verhoor ons, Jezus!

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U onzer, Jezus!

Jezus, koor ons!

Jezus, verhoor ons!

Laat ous bidden. Heer Jezus Christus, die gezegd hebt; vraagt en gij zult verkrijgen; zoekt en gij zult vinden; klopt en u zal worden opengedaan; wij bidden U, geef ous, die er U om vragen, dat wij getroffen worden door Uwe goddelijke liefde, opdat wij U met geheel het hart, met den mond en met de daad beminnen en nooit ophouden ü te loven. Door denzelfden J. C.


ocr page 74

54

Sancti Nominis tui, Domiue, timorem pari-ter et araorem fac nos habere perpetuum: quia numquam tua guberua-tione destituis, quos in soliditate tu;e dilectio-nis instituis. Qui vivis et reguas etc.

Oremus.

Deus, qui gloriosissi-mum Nomen Jesu Chris-ti Filii tui Domini nos-tri fecisti fidelibus tuis summo suavitatis affec-tu amabile, et malignis spiritibus tremendum at-qne terribile: concede propitias, ut omnes qui lioc Nomen Jesu devote venerantur in terris, sanctfe consolationis dul-cedinem in prtesenti per-cipiant et in futuro gau-dium exultationis, et in-termiuabilis beatitudi-nis obtineant in coelis. Per eumdem Dominum nostrum Jesum Christum, Filium tuura.

Geef Heer, dat wij altijd met, de vreeze te gelijk ook liefde hebben voor Uwen H. Naam, omdat Gij hen nooit berooft van Uwe bescherming, die Gij hebt bevestigd in de vastheid Uwer liefde. Die leeft en heerscht, enz.

Laat ons bidden.

O God, die den glorierijken Naam van Uwen Zoon, onzen Heer Jezus Christus, voor Uwe ge-loovigen zeer beminnelijk en voor de booze geesten zeer geducht en verschrikkelijk hebt gemaakt, verleen genadig, dat allen, die dezen H. Naam Jezus op aarde godvruchtig eeren, mogen ontvangen in het tegenwoordig leven de zoetheid der heilige vertroosting, en in liet toekomende leven, de blijdschap, vreugde en zaligheid des Hemels. Door denzelfden J.C.


ocr page 75

55

wij LITANIE

i_te van het H. Hart ïan Jezus,

beu

am, Heer, ontferm U onzer.

be- Christus, ontferm ü onzer.

ler- Heer, ontferm U onzer.

be- Christus, hoor ons.

eid Christus, verhoor ons.

teft God Hemelsche Vader, ontferm TJ onzer.

God Zoon Verlosser der wereld, ontferm U onzer.

God, Heilige Geest, ontferm ü onzer.

•ie. Heilige Drievuldigheid één God,

•en Zoon des eeuwigen Vaders,

:lls Hart van Jesus, in den schoot der maagdelijke re. Moeder door den H. Geest gevormd,

ie. Met het Woord Gods zelfstandig vereenigd, ze Van oneindige Majesteit,

eil Heilige tempel Gods, 0

•e. Tabernakel van den Allerhoogste, £

g Huis Gods en deur des hemels, 3

[j coquot; Brandende Oven van liefde,

je g Woonplaats van rechtvaardigheid en liefde, ^

0. ^ Vol van goedheid en liefde, §

et § Afgrond van alle deugden, 2

[e ^ Alle lof overwaardig,

r. 's Koning en middenpunt aller harten,

a. ^ Waarin alle schatten van wijsheid en weteu-j. schap worden gevonden, r. Waarin de volheid der Godheid woont, r In wien de Vader zijn welbehagen heeft gesteld,

J

ocr page 76

56

Van wiens volheid wij alien ontvingen, Verlangen der eeuwige heuvelen.

Geduldig en vol ontferming,

Mild voor allen die U aanroepen.

Bron van leveu en heiligheid,

K- Zoenoffer voor onze zonden, O

| Verzadigd van smaad. S;

^ Verbrijzeld om onze misdaden, g

g Gehoorzaam geworden tot den dood, ^ Doorstoken met een lans,

£ Bron van alle vertroosting, 5

!— Ons leven en onze verrijzenis, 2

Onze vrede en onze verzoening.

Slachtoffer voor de zonden,

Heil voor die in U hopen,

Hoop van die in ü sterven.

Wellust van alle Heiligen.

Lam Gods, dat wegneemt de zouden der wereld,

spaar ons Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

verhoor ons Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zouden der wereld,

ontferm U onzer.

v. Jezus, zachtmoedig en ootmoedig van Harte; e. Maak mijn hart aan het uwe gelijk.

Oremus. Laat ons bidden.

Omnipotens sempiterne Almachtige, eeuwige

Deus, respice in Cor God, zie neder op het

dilectissimi Filii tui, et Hart van uwen aller-

in laudes et satisfac- bemiuuelijksteii Zoon, en

ocr page 77

57

tioues, quas in nomine op den lof en de vol-peccatorum tibi persolit, | doeningen, die Hij in iisque misericordiam tu- uaam der zondaren U am petentibus Tu veniam gebracht heeft, en schenk concede placatus, in no- hun, die üwe barmhartig-mine eiusdem Filii tui heden inroepen, goed-Jesu Christi, qui tecum gunstig vergiffenis, in vivit et regnat in imitate naam van denzelfden Spiritus Sancti Dens per Jezns Christus, Uwen omnia saeculasaeculorum Zoon, die met U leeft Amen. en heerscht, in de een

heid des H. Geestes. God door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Deze litanie is door de Congregatie by decreet van den 27 Juni 1898 goedgekeurd en haar publiek gebruik in de kerken en bidplaatsen, na aanvrage, toegestaan. Het is te verwacliteu, dat weldra overal deze gunst zal worden verleend.

Gebed ter eere yan het H. Hart van Jezus.

Ik groet U, heilig Hart van Jezus, levende en levendmakende bron van het eeuwig leven, einde-looze schat der Godheid, brandend fornuis dei-goddelijke liefde ; Gij zijt mijne schuilplaats en toevlucht. O mijn beminnelijke Zaligmaker, ontsteek in mijn hart de vurige liefde, waarvan het Uwe ontvlamd is; stort in mijn hart dien overvloed van genade, waarvan het Uwe de bron is en maak, dat mijn hart zóódanig met het Uwe vereenigd worde, dat Uw wil de mijne zij; want ik verlang dat deze voortaan de eenige regel zij mijner begeerten en handelingen.

ocr page 78

58

Toewijding- aan het H. Hart van Jezus.

Aanbiddelijk Hart van mijn Verlosser, uit erkentelijkheid voor de eindelooze liefde, die Gij den menschen toedraagt, wijd ik ü heden toe al wat ik ben, met alles, wat ik bezit; mijn lichaam, mijne ziel, mijne gedachten, mijne verlangens, mijne woorden, mijne werken, mijn lijden, en mijne moeielijkheden; maar bijzonder wijd ik U mijn hart met al zijne genegenheden. Aanvaard dit offer, o goddelijk Hart van Jezus, en zuiver mij, heilig mij, ontvlam mij door het heilig vuur Uwer liefde. Amen.

LITANIE

Yan den H, Geest.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, ontferm ü onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, Hemelsche Vader, ontferm ü onzer. God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer. God, H. Geest, ontferm U onzer. H. Drievuldigheid, één God, ontferm U onzer. H. Geest, die van den Vader en den Zoon voortkomt, ontferm ü onzer.

Geest der eeuwige waarheid, ontferm U onzer. Geest van wijsheid en verstand, ontferm U onzer. Geest van raad en sterkte, ontferm U onzer. Geest van de vreeze des Heeren, ontferm U onzer.

ocr page 79

59

Geest van heiligmaking,

Geest van kracht, liefde en matigheid,

H. Geest, door wiens ingeving de Profeten gesproken hebben,

die de Apostelen vervuld en in hunnen

mond Uwe woorden gelegd hebt,

wiens zalving ons alle dingen leert,

die de dolende zondaren bekeert,

die uwe ware geloovigen één van hart en ziel maakt,

die aan uwe kinderen de ware vrijheid ver- q

leent, 5-

•—b

die de dubbelhartigen en geveinsden ont- 2 vlucht, 3

c die ons in alles Gods wet kunt doen vol- ^

GJ

O brengen, §

ujh die zelf ook de Gever van het bidden zijt. S die zelf in en voor ons door onuitsprekelijke verzuchtingen bidt,

die onze harten van droefheid verlost, en ze met liefde, blijdschap en vrede vervult, die ons geduld, goedertierenheid en goedheid verleent,

die onze zielen met zachtmoedigheid en

zedigheid versiert,

die ons de onthouding en kuischheid verleent, die de liefde Gods in onze harten stort, die in uwe geloovigen als in uwe tempels woont,

die in ons wonende, onze sterfelijke lichamen zult levend maken,

ocr page 80

60

quot;Wees genadig, spaar ons, Heer.

quot;Wees genadig, verhoor ons, Heer,

Van alle zouden, verlos ons, Heer. Van vermetelheid en wanhoop, Van ongeloovigheid en bestrijding der bekende waarheid.

Van alle bekoring en lagen des duivels, Van afgekeerdheid, tweedracht, gramschap en

nijd tegen onzen naaste,

Van alle onreinheid naar ziel en lichaam, 2' Van onboetvaardigheid en verstoktheid des o gemoeds, 0

Van eiken geest, die aan U tegenstrijdig is, JS Door Uwe altijddurende voortkomst van den ^ Vader en den Zoon, g

Door Uwe wonderbare werking, waardoor Christus in het lichaam der zuivere Maagd ontvangen is,

Door Uwe nederdaling over Christus ten tijde

Zijns Doopsels,

In den dag des oordeels,

Wij zondaren, wij bidden ü, verhoor ons. Dat wij nooit de vleeschelijke neigingen involgen, ^ Dat Gij den geest der gerechtigheid in onze

harten wilt vernieuwen, 5:

Dat Gij ons nooit wilt verlaten, ê*

Dat Gij ons wilt versterken om moedig het

goede uit te werken,

Dat wij U nooit bedroeven of U wederstaan, 2 Dat wij altijd arm van geest mogen wezen. 5 Dat Gij ons de christelijke en heilige droef- 2 heid wilt leeren, g

ocr page 81

61

Dat Gij ons hongerig en dorstig naar de rechtvaardigheid wilt maken, ^ Dat Gij ons de zachtmoedigheid en barmhartig- —: heid tegenover alle menschen wilt instorten, St Dat wij den vrede met onzen naaste zóó §• onderhonden, dat wij kinderen Gods mogen = genoemd worden, -F' Dat Gij ons zuiver van hart wilt maken, opdat lt; wij God mogen zien, g-Dat wij de vervolging om de rechtvaardigheid 5 als een bijzonder geluk achten, 0 Dat Gij ons tot het einde toe in het goede p

wilt bevestigen,

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,.

spaar ons. Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

verhoor ons. Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,.

ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

v. De genade van den H. Geest,

a. Verlichte onze zinnen en harten.

Laten ivij Mddcu.

O God, die de harten der geloovigen door de verlichting van den H. Geest hebt onderwezen, geef ons, dat wij in denzelfden Geest de ware wijsheid bezitten, en ons altijd over Zijne vertroosting mogen verblijden. Door Christus onzen Heer. Amen.

ocr page 82

HYMNE.

Veni, sancte Spiritus, Et emitte coelitus Lucis tu;e radium.

Veui, Pater pauperum, Veni, Dator munernm; Veni, Lumen cordiuin.

Consolator optime, Dulcis hospes animfe, Dulce refrigerium.

lu labore Eequies, In aestu Temperies, In fletu Solatium.

O Lux beatissima, Eeple cordis iutima Tuorum tidelium.

Siue tuo Numiue,

Nihil est in homine, Nihil est innoxium.

Lava quod est sordidum, Riga quod est aridum ; Sana quod est saucium ;

Kom, Heilige Geest, en zend een straal van üw licht uit den hemel.

Kom, Vader der armen, kom. Gever aller goede gaven, kom, Licht der harten.

Volmaakte Trooster, zoete Gast der ziel, en zoete Verkwikking.

In den arbeid zijt Gij ouze Rust, in de hitte onze Verfrissching ; in droefheid en tranen onze Troost.

O gelukzaligst Licht, vervul de harten uwer geloovigeu.

Zonder Uwe hulp is er niets in den meusch, is er niets Zuiver.

Wasch wat onrein is, besproei wat dor is; genees wat gekwetst is.


ocr page 83

63

Flecte quod est rigidum; Fove quod est frigidum Rege quod est devium.

Da tuis fidelibus,

lu Te contidentibus, Sacrum septenariura.

Da virtutis meritum, Da salutis exitnm, Da perenne gaudium.

Amen.

Oremus.

Deus, qui corda fide lium Sancti Spiritus illu-stratione doeuisti: da nobis in eodem Spiritu recta sapere, et de ejus semper cousolatione gau-dere. Per Christum Do-minum nostrum.

Amen.

Buig wat onbuigzaam is, koester wat koud is, wees ten gids aan al wat dolend is. Verspreid Uwe zevenvoudige gaven over Uwe geloovigen, die hun vertrouwen in U stellen.

Verleen liun de verdiensten der deugd, een zalig uiteinde en de eeuwige vreugde. Amen.

Lateu wij bidden.

God, die de harten der geloovigen door de verlichting van den H. Geest hebt onderwezen, geef ons dat wij door dien zeilden Geest de ware wijsheid bezitten en ons altijd over zijne vertroosting mogen verblijden. Door Christus onzen Heer. Amen.


Aan al de geloovigen, die de Hymne Veni Sancte Spiritus eens of meermalen daags, in welke taal ook, voor de gewone intentiën der H. Kerk bidden, een volle aflaat eens in de

ocr page 84

64

maand, op een dag naar verkiezing, na gebiecht en gecommuniceerd te liebben.

Bovendien 300 dagen aan degenen, die haar zullen bidden op Pinksterdag en gedurende het octaaf.

Eindelijk 100 dagen, telken male als men deze Hymne zal bidden op andere tijden.

Toevoegeliik aan do zielen in het vagevuur. (Pius VI, den 26sten Mei 1796.)

Deze aflaten gelden ook voor het Veni Creator Spiritus.

LITANIE

tot Jezus in het Allerheiligste Sacrament.

Heer, ontferm U ouzer.

Christus, ontferm U onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, Hemelsche Vader, ontferm U ouzer,

God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm ü onzer.

God, Heilige Geest, ontferm U onzer.

Heilige Drievuldigheid één God, ontferm U ouzer.

Levend Brood, uit den Hemel neergedaald,

Verborgen God en Zalig-maker,

Tarwe der uitverkorenen,

quot;Wijn, die maagden voortbrengt, O

Voedzaam Brood en wellust der koningen, 5; Altijddurend zoenoffer, 3

Zuivere offergave, ^

Vlekkeloos Lam,

7 O

Allerzuiverste maaltijd, g

Spijs der Engelen, £?

Verborgen hemelsch Brood,

Woord, dat Vleesch geworden zijt en onder ons woont,

ocr page 85

65

Heilige Hostie,

Grezegende drinkbeker,

Geheim des geloofs,

Voortreffelijk, hoogwaardig Sacrament,

Allerheiligste offerande,

Waarachtige verzoening voor levenden en dooden, Hemelsch behoedmiddel tegen de zonden,

Geheim, ontzagwekkend boven alle andere wonderen,

Allerheiligste gedachtenis van het lijden des Heer en,

Gave die alle volheid te boven gaat, Voortreffelijk gedenkteeken der goddelijke liefde, ? Overvloeiende Bron van Gods milddadigheid, ^ Allerheiligst en wonderbaar geheim, =

Geneesmiddel ter onsterfelijkheid, ^

Aanbiddelijk en levendmakend Sacrament,

Brood, dat door de almogendheid desWoords g zijt Vleesch geworden, £?

Onbloedige offerande.

Spijs en medegast,

Allerzoetste maaltijd, waarbij de Engelen tegenwoordig zijn en dienen,

Teeken van genade,

Offeraar en offerande,

Geestelijke zoetheid, die in haar eigen oorsprong gesmaakt wordt,

Verkwikking der heilige zielen,

Versterking dergenen, die in den Heer sterven, Pand der toekomende heerlijkheid.

Wees genadig, spaar ons, Heer.

5

ocr page 86

66

Wees genadig, verhoor ons, Heer.

Van het onwaardig nuttigen van Uw Lichaam

en Bloed, verlos ons, Heer.

Van de hegeerlijkheid des vleesches.

Van de begeerlijkheid der oogen,

Van de hoovaardij des levens.

Van alle gevaar der zonde.

Door het groot verlangen, dat Gij gehad hebt lt; om dit Paaschlam met Uwe leerlingen te g-eten, ^

Door den diepsten ootmoed, waarmede Gij de |

voeten Uwer Apostelen gewassclien hebt,

Door de vurigste liefde, waarmede Gij dit ^ heilig Sacrament hebt ingesteld, 3

Door Uw dierbaar Lichaam en Bloed, dat Gij

ons op het altaar hebt nagelaten.

Door de vijf Wonden, die Gij in Uw allerheiligst Lichaam ontvangen hebt.

Wij zondaren, wij bidder. U, verhoor ous. Dat Gij U gewaardigt, het geloof, den eerbied, ^ en de begeerte tot dit wonderbaar Sacrament £ in ons te vermeerderen en te bewaren, amp; Dat feij U gewaardigt, ons door eene ware g belijdenis onzer zonden tot het dikwerf nut- g tigen dezer geestelijke spijs voor te bereiden, ^ Dat Gij U gewaardigt, ons van alle ketterij, ongeloovigheid en verblindheid des harten 3 te bevrijden, 5

Dat Gij U gewaardigt, ons aan de kostbare ° en hemelsche vruchten van dit H. Sacrament g deelachtig te maken, ^

ocr page 87

67

Dat Gij ü gewaardigt, ous in het uur des doods met deze hemelsche spijs te versterken, wij bidden U, verhoor ons.

Zoon Gods, wij bidden ü, verhoor ons. Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

spaar ons, Heer!

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

verhoor ons, Heer!

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

v. Gij hebt hun een Brood uit den Hemel gegeven.

e. Alle zoetheid in zich bevattend.

Laten wij bidden.

God. die ons in dit wonderbaar Sacrament de gedachtenis van Uw lijden hebt nagelaten, wij bidden U, geef dat wij de heilige geheimen van üw Lichaam en Bloed zóó eerbiedig eeren, dat wij de vrucht Uwer Verlossing gedurig in ons mogen gevoelen. Die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Eereboete aan onzen Heer Jezus Christus in liet Allerheiligste Sacrament des Altaars.

* Op de dagen der maaudelijksche vergadering van het Genootschap wordt deze eereboete openlijk gedaan vóór den zegen met het H. Sacrament.

Onze H. Vader Paus Leo XIII heeft den 20sten December 1879 een aflaat van 100 dagen vergund aan al de leden van

ocr page 88

68

het Genootschap, die met een rouwmoedig hart deze eereboete zullen doen; eenmaal te verdienen. Toevoegeiyk aan de zielen des vagevuurs.

Aanbiddelijke Zaligmaker, door het onbegrijpelijke wonder Uwer liefde tot ons, daalt, Gij uit den Hemel nêer, en verbergt Gij U in het H. Sacrament des Altaars, om er de gedurige Offerande te zijn der Nieuwe Wet; het onschuldig Slachtoffer voor onze zonden ; de hemelsche Spijs onzer zielen ; onze liefderijke Geneesheer; onze goede Meester ; onze machtige Middelaar; en onze teedere Vader. Maar, helaas ! met welke ondankbaarheid van onzen kant wordt uwe oneindige goedheid vergolden !

Neergeknield aan den voet van dit altaar, waar Gij even wezenlijk tegenwoordig zijt, als in het hoogste der hemelen, doen wij eene openbaar eerherstel voor al de beleedigingen en ondankbaarheden, welke üw H. Hart daar moet verduren. Ontvang dus, o goddelijke Jezus, deze plechtige eereboete voor al de beleedigingen U aangedaan in liet Sacrament Uwer liefde.

Vergiffenis, o Heer ! vergiffenis voor zoo vele christenen, die ü vergeten, ü miskennen, U be-leedigen of ü met zoo weinig voorbereiding en vrucht ontvangen.

Vergiffenis voor zoovele ketters, die IJ beschimpen, voor zoovele goddeloozen en afvalligen, die TJ vervolgen. Ach, konden wij ü door de levendigheid onzer liefde eenige vergoeding geven voor hunne versmadingen en heiligschennissen!

ocr page 89

69

Hoe gelukkig zouden wij zijn, o Jezns, indien wij door onzen eerbied, onzen ijver en zelfs door liet vergieten van ons bloed de versmadingen konden herstellen, die Uwe Majesteit zijn aangedaan! Verleen ons ten minste, o aanbiddenswaardige Zaligmaker, de genade, ü in het Allerheiligste Sacrament des Altaars, met de teederste, de edelmoedigste en standvastigste liefde te beminnen.

Allerheiligste Maagd, onze goede en teedere Moeder, leid ons door Uw onbevlekt Hart binnen, in het aanbiddenswaardige Hart van Uwen godde-lijken Zoon Jezus Christus. Amen.

Lof en dank zij elk oogenblik gebracht aan het Allerheiligst en Allergoddelijkst Sacrament.

* 100 dagen aflaat, eiken dag; 300 dagen op al do Donderdagen des jaars en alle dagen gednrende het octaaf van het H. Sacrament, als men dit schietgebed driemaal op al die dagen bidt; en een vollen aflaat eens in de maand, aan allen, die het gedurende eene maand dagelijlis gebeden hebben, biechten, te Communie gaan en bidden volgens de meening der H. Kerk. Toevoegelijk aan de zielen ir. het vagevuur.

LITANIE

van het Lijden ïau Jezus Christus.

Heer, ontferm u onzer.

Christus, ontferm u onzer.

Heer, ontferm u onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

ocr page 90

70

God, hemelsclie Vader ontferm n onzer. God Zoon, Verlosser der wereld,

God H. Geest,

H. Drievuldigheid één God,

Jezus, die na het H. Avondmaal U van Jerusalem over de beek Cedron, naar den Olijfberg begaaft, om uw gebed te doen, die door de levendige voorstelling van uw schrikkelijk lijden, benauwd, bedroefd en zeer beangst werdt,

die tot hèt lijden bereid, U aan den wil van

uwen hemelschen Vader onderwierpt, die in uwen doodsangst door een Engel

werdt gesterkt,

die door Judas, een uwer leerlingen, werdt verraden,

die door een bende huurlingen werdt ge-§ boeid.

(D gt; 7

die door uwe Leerlingen, werdt verlaten, die geboeid voor Annas en Caïphas werdt gebracht,

die vau een dienaar een kaakslag ontvingt, die door valsche getuigen werdt beschuldigd, die getuigenis der waarheid gevende als een godslasteraar ter dood werdt veroordeeld, die op Petrus, nadat hij U verloochende, een blik van medelijden en ontferming geslagen hebt,

die aan Pilatus, een heiden, werdt overgeleverd.

die door Herodes en zijn hof bespot werdt,

ocr page 91

71

die bij den moordenaar Barabbas werdt

achtergesteld,

die wreed werdt gegeeseld,

die ter bespotting met eenen purperen mantel werdt omhangen.

die ter bespotting met doornen werdt gekroond,

wien men ter bespotting, een riet tot schep-

ter in de hand gaf,

wiens kruisdood, door de Joden geëischt werd,

die door Pilatus tot den smaadvollen kruisdood veroordeeld, en aan de woede der Joden overgeleverd werdt,

die onder den kruisbalk gebukt gingt, die als een schuldeloos lam, ter slachtbank

geleid werdt,

die van uwe kleederen ontbloot werdt, die vol liefde, uwen Vader om vergiffenis voor uwe vijanden en moordenaars badt, die met de booswichten werdt gelijk geacht, die nog aan het kruis gelasterd en bespot werdt,

die den berouwvollen moordenaar in genade aangenomen en hem het Paradijs beloofd hebt,

die uwe Moeder aan den heiligen Joannes

hebt aanbevolen,

die aan het kruis hangende, riept: mijn God! mijn God! waarom hebt gij mij verlaten ?

ocr page 92

72

die in uwen dorst, met gal en edik gelaafd werdt.

die getuigdet, dat alles volbracht was, wat

van U was geschreven,

die stervende, uwen geest in de handen

uws Vaders hebt aanbevolen.

die uw hoofd buigende, den geest gaaft, door wiens sterven, de hoofdman en velen 0 uit. het volk bekeerd werden, 5-

wiens zijde met eene speer doorstoken werd, 2-§ uit wiens doorstoken zijde water en bloed 0 JS vloeide, J-'

wiens lichaam door twee eerwaardige mannen g van het kruis afgenomen en begraven g werd, r'

die na uwen dood nederdaaldet in het voor-geborgte, om de zielen der afgestorvene rechtvaardigen te verlossen,

die op den derden dag na uwen dood, vol heerlijkheid, uit uw graf verrezen zijt, die levenden en dooden zult komen oor-deelen,

quot;Wees genadig, spaar ons, Jezus!

Wees genadig, verhoor ons, Jezus!

Van alle kwaad, verlos ons, Jezus !

Tan alle zonden, verlos ons, Jezus !

Van eenen haastigen en onvoorzieuen dood, verlos ons, Jezus.

Van de listen des duivels, verlos ons, Jezus Van gramschap, haat en allen kwaden wil, verlos ons Jezus.

ocr page 93

73

Van pest, hongersuood en oorlog,

Van den eeuwigen dood,

Door uwen doodstrijd en uw bloedig zweet, Door uwe geeseling.

Door uw doornen kroon,

Door uw kruis eu lijden,

Door uwen dorst eu uwe tranen,

Door uwen dood en uwe begrafenis.

Door üwe opstanding,

In den dag des oordeels,

Wij zondaren, wij bidden U, verhoor ons. Dat wij de dwaasheden des Kruises hooger mogen achten dan al de wijsheid der wereld, Dat wij bovenal mogen bezorgd zijn, U, den

gekruisigden Christus, te kennen,

Dat wij, ons het voorbeeld van uw lijden voorstellende, uwe voetstappen mogen navolgen. Dat wij dagelijks ons kruis opnemen en ü

mogen navolgen.

Dat wij, der zonden afstervende, voor de rechtvaardigheid mogen leven.

Dat wij op U, den aanvoerder en voltrekker van ons geloof, steeds het oog gevestigd mogen houden,

Dat wij naar uw voorbeeld, als wij gescholden worden, niet wederschelden, als wij beleedigd worden niet dreigen, maar onze zaak aan ü overlaten, die rechtvaardig oordeelt.

Dat het verre van ons zij, in iets anders dan in uw kruis, o Heer Jezus, te roemen.

cr

s 2

cd

ocr page 94

74

Dat, nit liefde tot U, de wereld voor ons ge- ^

kruisigd zij, en wij voor de wereld,

Dat uw Bloed ons reinige, om ü, den leven- S den God, te dienen, g

Dat wij, voor den lioogsten prijs gekocht U rn

in onze lichamen verheerlijken mogen, Dat wij ons vleesch met zijne driften en be-

geerlijkheden mogen kruisigen, §

Dat wij, deelgenooten des lijdens, ook deelen 7, mogen in uw glorie, S

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,

spaar ons, Jezus!

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,

verhoor ons, Jezus 1 Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,

ontferm u onzer, Jezus!

Jezus Christus, hoor ons.

Jezus Christus, verhoor ons.

Onze Vader, enz.

v. Heer, verhoor mijn gebed,

h. Eu mijn geroep kome tot ü.

Laat ous bidden.

Laat, o Heer Jezus Christus, al de zegeningen van uw lijden en sterven over mij komen. Verwek in mij den levendigsten afkeer tegen de zoude. Verleen mij uwe genade, opdat ik de zonden, welke mij zoo diep verlagen, den Hemel ont-rooven en mij van U scheiden, die Uw Bloed voor mij gestort hebt, in mij geheel en al uitroeie. Verleen mij het zalige vertrouwen, dat mij mijne

ocr page 95

75

zonden, om IT went wille, die tot verzoening zijt gestorven, genadig zijn vergeven. Schenk mij Uwe hulp, opdat ik heilig worde; maak mij getrouw, en sterk mij in alle beproevingen van dit vergankelijk leven; geef rust en verkwikking aan mijn hart in dagen van droefheid en lijden. O Gij, die mij als uw eigendom gekocht hebt, wees mij genadig; en daar Gij, goddelijke, dierbare Verlosser, zelf met den dood geworsteld hebt, zoo verlaat mij niet in mijn sterfuur. Laat, zoo lang ik nog hier op aarde leef, het denkbeeld mij steeds vergezellen, dat het mijne zonden zijn, die U hebben doorwond en aan het kruis sloegen. Laat mij, zalig in hoop, van hier gaan en in mijn laatste uur uwe stem hooren: ..Heden zult gij met mij zijn in het Paradijs.quot;

LITANIE

ter eere der Allerheiligste Maagd Maria.

Z. H. Paus Pius Vil heeft den SOsten September 1817, 200 dagen aflaat verleend, aan allen, die deze litanie godvruchtig en met uen berouwvol hart zullen bidden.

Aan allen, die haar dagelijks bidden een vollen aflaat op de vijf voornaamste feestdagen van Maria, t. w. Onbevlekte Ontvangenis ; Maria Geboorte: Maria Boodschap: Maria Lichtmis en Maria Hemelvaart : onder voorwaarde, dat zij gebiecht en gecommuniceerd hebben, eene openbare kerk bezoeken en bidden tot intentie van Z. H. den Paus.

Kyrie, eleison. Christe, eleison. Kyrie, eleison. Christe, audi nos. Christe, exaudi nos.

Heer, ontferm U onzer. Christus,ontferm U onzer. Heer, ontferm ü onzer. I Christus, hoor ons. 1 Christus, verhoor ons.


ocr page 96

70

God, Hemelsche Vader,

ontferm U onzer. God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer,

God, Heilige Geest, ontferm U onzer. H. Drievuldigheid, één God, ontferm U onzer. Heilige Maria,

Heilige Moeder Gods, Heilige Maagd der

Maagden,

Moeder van Christus, Moeder dergoddelijke genade, _ Allerreinste Moeder, ^ i AllerzniversteMoeder, S _ : Ongeschonden Moe-3 : der, |

g Onbevlekte Moeder, ~ S Minnelijke Moeder, g quot;Wonderbare Moeder, | Moeder des Scheppers,, Moeder des Zaligmakers,

: Allervoorzichtigste Maagd,

Eerwaardige Maagd. Lofwaardige Maagd, Machtige Maagd,

Pater de coelis Deus, miserere nobis.

Fili, Eedemptor mundi Deus, miserere nobis.

Spiritus Saucte Deus, miserere nobis.

Saucta Trinitas, unus Deus, miserere nobis. Sancta Maria,

Sancta Dei Genitrix, Sancta Virgo Yirgi-

num,

Mater Christi,

Mater divinfe gratise.

Mater purissima.

Mater castissima,

Mater inviolata,

Mater iutemerata.

Mater amabilis,

Mater admirabilis,

Mater Creatoris,

Mater Salvatoris,

Virgo prndentissima,

Virgo veneranda,

Virgo prpedicanda,

Virgo potens.

ocr page 97

77

Virgo clemens,

Virgo tidelia,

Speculum justitise,

Sedes sapientise,

Causa nostra Isetitife,

Vas spirituale, Vas honorabile, Vas insigne devotio-nis,

Eosa mystica,

Turrls Davidica, c Turris eburnea. n Domus aurea, ^

Fcederis area, S

Janua coeli, e

7 O

Stella matutina, S Sains iniirmorum,

Refugium peccato-rum,

Consolatrix afflicto-rum,

Auxilium Christiano-rum,

Kegina Angelorum,

Kegina Patriarclia-rum,

Regina Prophetarum,

Goedertierene Maagd, Getrouwe Maagd, Spiegel der rechtvaardigheid,

Zetel der wijsheid, Oorzaak onzer blijdschap,

Geestelijk vat, Eerwaardig vat,

Schoon vat van godsvrucht,

Geheimvolle roos,

Toren van David. Ivoren Toren, Ë;

P_

Gulden huis,

Ark des Verbonds, § Deur des hemels, Morgenster, g

Behoudenis der zieken,

Toevlucht der zondaren,

Troosteres der bedrukten,

Bijstand der Christenen,

Koningin der Engelen,

Koningin der Aartsvaders,

Koningin derProfeten,


ocr page 98

78

Eegina Apostolorum, Koningin der Apostelen,

Eegina Martyrum, Koningin der Marte

laren,

Eegina Confessorum, O Koningin der Belij- k 55 ders,

Eegina Virginum, % Koningin der Maag- g ^ den, ®

Eegina Sanctorum, g. Koningin van alle g omnium, S' | Heiligen, quot;■

Eegina sine labe ori- Koningin zonder erf-ginali concepta, zonde ontvangen,

Eegina sacratissimi Koningin van den al-Eosarii, lerh. Eozenkrans,

Agnus Dei, qui tollis Lam Gods, dat wegneemt peccata muudi, paree de zonden der wereld, nobis, Domine. spaar ons, Heer.

Agnus Dei, qui tollis Lam Gods, dat wegneemt peccata mundi, exaudi de zonden der wereld, nos, Domine. verhoor ons. Heer.

Agnus Dei, qni tollis Lam Gods, dat wegneemt peccata mundi, mise- de zonden der wereld, rere nobis. ontferm ü onzer.

Christe, audi nos. Christus, hoor ons.

Christe, exaudi nos. ' Christus, verhoor ons. v. Dra pro nobis, Sancta v. Bid voor ons. Heilige

Dei Genitrix, Moeder Gods,

e. Ut digni eftlciamurpro- a. Opdat wij waardig missionibus Christi. worden de beloften I van Christus.

ocr page 99

79

Oremus. Laten wij bidden.

Gratiam tuam, qufe- Wij bidden U, Heer,

sumus Domine, menti- stort Uwe genade in onze

bus nostris infunde; ut harten, opdat wij, die

qui, Angelo nuntiante, door de boodschap des

Cliristi Filii tui Incar- Engels de Menschwor-

nationem cognovimus. ding van Christus, uwen

per Passionem Eius et Zoon, gekend hebben,

Crucem, ad resurrectie- door Zijn Lijden eu Kruis

uis gloriam perducamur. mogen gebracht worden

Per eumdem Christum tot de heerlijkheid der

Dominum nostrum. verrijzenis. Door den-

Amen. zelfden Christus onzen Heer. Amen.

Refrein in de processie te Kevelaar.

Maria, Maria, wij bidden U, ach help ons nu en in den dood, o allerzuiverste Maagd Maria.

Schietg-ebed.

O mijne Meesteres, o mijne Moeder! gedenk dat ik de Uwe ben. Bewaar mij, verdedig mij als Uw goed eu Uw eigendom.

100 dagen aflaat als men dit gebed 's morgens en 's avonds bidt. — Bidt men het dagelijks gedurende een maand, een vollen aflaat, mits men gebiecht en gecommuniceerd hebbe, en eene kerk bezoeke. — 40 dagen aflaat, als men in een of andere bekoring 't eerste gedeelte bidt. Pius IX, 5 Aug. 1853.

ocr page 100

OEFENINGEN

TER EERE VAX

HET ONBEVLEKTE HART VAN MARIA.

ocr page 101

81

Gebeden der Broederschap.

van het Onbevlekte Hart van Maria tot bekeering der zondaren.

Glebed,

om elke godvruchtige oefening der Aartsbroederschap aan Maria op te dragen, tot het verkrijgen van de bekeering der zondaars.

O allerheiligste, verhevene eu liefderijke Maagd Maria, werp uit deu hemel een blik van bescherming op Uwe kinderen, aan deu voet van Uw altaar vereeuigd.

Ons doel is, o Moeder van barmhartigheid, door een dienst van liefde en vertrouwen, Uw allerheiligst en onbevlekt Hart te vereeren, in vereeniging met datzelfde Hart de allerheiligste Drieëenheid en het goddelijk Hart van Jezus te aanbidden, en in naam van onze Aartsbroederschap, door üwe alvermogende voorspraak bij God, onze bekeering en die van alle zondaren af te smeeken.

O Maria! zonder zonden ontvangen, bid voor ons, die onze toevlucht tot U nemen. Wees gegroet enz.

Gebed.

vóór de H. Mis, ter eere van het H. Hart van Maria voor de bekeering der zondaren. Nedergeknield voor Uwe voeten, o H. Moeder van Jezus, mijnen Zaligmaker, bid ik U, mij de

6

ocr page 102

82

genade te verwerven, bij dit goddelijk Offer tegenwoordig te zijn met de gevoelens der diepste aanbidding, der teederste liefde, der levendigste dankbaarheid en met het oprechtste berouw over mijne zonden. Mijne bedoeling is, o goede Moeder, door de verdiensten vau dit goddelijk Offer, de aanbiddelijke Drieëeuheid te bedanken voor de oneindige genade, waarmede zij Uw allerheiligst en onbevlekt Hart heeft verrijkt, en, door de verdiensten van Jezus Christus en de heiligheid van Uw Hart, de genade van mijne bekeering en die der arme zondaren van de goddelijke barmhartigheid af te smeeken. Heilig Hart van Maria, onbevlekt ontvangen, bid voor mij, bescherm mij. Amen.

Wees gegroet Maria, enz.

ocr page 103

83

Gebeden onder het Lof,

ter eere van het heilige en onbevlekte Hart van Maria.

Wees gegroet euz.

O Maria, zonder zonden ontvangen, bid voor ons, die onze toevlucht tot U nemen.

Refugium peccatorum.

O, H. Maria 1 toevlucht der zondaren, bid voor ons. Wees gegroet, enz.

O groote H. Joannes de Dooper,... of... beschermheilige dezer stad, bid dat de zondaren, die zich in haar midden bevinden, tot inkeer komen en aan de stem der genade beantwoorden, opdat God, op uwe voorspraak, Zijnen zegen over ons allen in ruime mate uitstorte.

O God, dat de allerheiligste Maagd Maria, uwe Moeder, wier Hart op het oogenblik van Uwen dood, door een zwaard van droefheid werd doorboord. bij U onze voorspraak zij en ons een zaligen dood verwerve. Amen.

Ter eere van den H.

Inter natos mulierum non surrexit maior Joanne Baptista.

v. Fuit homo missus a Deo.

R. Cui nomen erat Joannes.

Joannes deu Dooper,

Onder hen, die uiteene vrouw geboren zijn, is niemand grooter dan Joannes de Dooper. v. Er werd een mensch

van God gezonden. a. Wiens naam was Joannes.


ocr page 104

84

Oremus. Gebed.

Prasta quEesumus, om- Verleen, bidden wij, U nipoteus Deus, ut familia almogende God, dat Uwe tna per viam salutis iu- kinderen den weg des cedat, et Beati Joannis heils bewandelen, en de Prfecursoris hortamenta vermaningen van den H. sectando, ad Eum, quem Joannes, Uwen Yoorloo-prfedixit, secura perve- per, opvolgend,vertronw-niat, Dominum nostrum vol tot Hem komen. Dien Jesum Christum Filium hij voorzegd heeft, onzen tuum, Qui tecum vivit Heer Jezus Christus, U-et reguat per omnia sfe- w-en Zoon, die met Uleeft cula steculorum. Amen. en heerscht, in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Hierna een lofzang ter eere van het H. Sacrament.

Vervolgens de Litanie van de H. Maagd, bladz. 75.

Na de predikatie: Sub tuum.

Sub tuum prfesidium Onder uwe bescherming confugimus sancta Dei nemen wij onze toevlucht, Genitrix; nostras depre- o H. Moeder Gods, ver-cationes ne despicias in stoot onze gebeden niet necessitatibus, nostris,sed in onzen nood, maar ver-a periculis cunctis libera los ons altijd van alle genos semper Virgo glorio- varen, o roemrijke en ge-sa et benedicta. zegende Maagd.

v. Ora pro nobis, sancta v. Bid voor ons, H. Moe-

Dei Genitrix. der Gods.

r. Ut digni efficiamur v. Opdat wij waardig

promissionibus Christi. worden de beloften

van Christus.

ocr page 105

85

Oremus.

Concede, raisericors Dens, fragilitati uostr»? prresidium, ut qui sanctie Dei Genitricis memo-riam agimus, interces-sionis ejus anxilio a nos-tris iniqnitatibus resur-gamns. Per enmdum Christum, Dominum nostrum. Amen.

Gebed.

O God van barmhartigheid, ondersteun onze zwakheid ; opdat wij, die op aarde de gedachtenis vereeren der H. Moeder Gods, door de hnlp harer voorspraak, uit onze ongerechtigheden mogen opstaan. Door denzelfden Jezus Christus, onzen Heer. Amen.


Gebed voor de bekeering- der zondaren.

Spaar, Heer, spaar Uw ne in aïter- volk, en wees niet in eeuwigheid op ons verbolgen.

Paree Domine, paree popnlo tuo num irascaris nobis.

Dit Gebed zingt men driemaal.

v. Converte nos Deus sa-

lutaris noster. e. Et averte iram tnam a nobis.

Oremus.

Deus misericors et Clemens, exaudi preces, quas, pro fratribus pereun-tibus. gementes in con-spectu tuo effundinms: ut conversi ab errore vi:ie

v. Bekeer ons God, Die onze zaligheid zijt. a. Eu wend Uwe gramschap van ons af.

Gebed.

Barmhartige en goedertieren God, verhoor de gebeden, welke wij voor onze broeders, die zich in het eeuwig verderf storten, bedrukt voor Uw


ocr page 106

86

suse, liberentur a morte; et ubi abimdat delictum, superabundet gratia.

Deus, cui proprium est misereri semper et par-cere: suscipe deprecati-ouem uostram, ut nos et omnes famulos tuos, quos delictorum catena constringit, miseratio tupe pietatis clementer absol-sat. Per Domiuum nostrum Jesum Christum Filium tuum, Qui tecum vivit et regnat per omnia ssecula sseculorum. Amen.

v. Dominus vobiscum. r. Et cum spiritu tuo. v. Benedicamus Domino. r. Deo gratias.

Voor «le

Defensor noster, aspice,

Insidiantes reprirae,

Aanschiju tot U opzenden ; opdat zij van hunnen dwaalweg terugkeereud, bevrijd mogenblijvenvan den eeuwigen dood; en waar de zonde overvloedig is, de genade nog overvloediger zij.

God, wien het eigen is, altijd te sparen en genadig te zijn, verhoor ons gebed, opdat Uwe goedertieren barmhartigheid ons en al Uwe dienaren, die in de ketenen der zonden geboeid zijn, genadig ontbinde. Door Jezus Christus onzen Heer. Amen.

v. De Heer zij met u. a. En met uwen geest, v. Danken wij den Heer. a. God zij lof.

i zcg'eu.

Zie Gij beschermend op

ons neêr;

Behoed ons voor belagers, Heer,


ocr page 107

87

Gnberna tuos famulos, Sta lt;le Uweu met Uw

almacht bij;

Qnos Sanguine mercatus Gij koclit hen door Uw

es. Zoenbloed vrij.

Memento nostri Domine, Wij zuchten in dit lichaam, Heer!

In gravi isto corpore, O zie meedoogend op ons

ueêr,

Qui es defensor animae, Bescherm de zielen, U

gewijd,

Adesto nobis Domine. Gij, die der ziele Toevlucht zijt.

Deo Patri sit gloria, Zij God, den Vader,

eeuwige eer,

Eiusque soli Filio, En Jezns, onzen God

en Heer;

Cum Spiritu Paraclito, Zij de eigen eer aan

God den Geest, Et nunc et in perpetuum. Die neerdaalde op 't

Amen. Pinksterfeest. Amen.

v. Panem de coelo pree- v. Hij heeft hun brood sütisti eis. j uit den hemel gegeven.

r. Omne delectamentum, | a. Alle zoetheid in zich in se habentem. bevattend.

Oremus. (iebed.

Vide Domine, infirmi- Zie Heer. op de zwak-

tates oviura tuarum, et heden Uwer schapen,

quod olim ad corporum en doe heden, door

sauitatem, prodeunte ex dit H. Sacrament, voor

verbo et vestimentis vir- het heil der zielen, wat

ocr page 108

88

tute efficere diguatns es, CHj weleer voor de ge-nunc ad animarum salu- neziug der lichamen, tem per hsec sacramenta door de kracht van Uw clementer operare. Qui woord en het aanraken vivis et regnas etc. Uwer kleederen hebt gedaan. Gij. die God zijnde, leeft en heerscht in alle eeuwigheid. Amen.

LITANIE

ter eere van het H. Hart van Maria.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, ontferm ü onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, Hemelsche Vader, ontferm U onzer. God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer. God, Heilige Geest, ontferm ü onzer. H. Drievuldigheid, één God. ontferm U onzer. Hart van Maria, bid voor ons.

Zoet geschenk des hemels,

cf Voorwerp van Gods welbehagen,

'§ Vereenigd met het H. Hart van Jezus, S ^ Werktuig van den H. Geest,

| Heiligdom der allerheiligste Drievuldigheid, § gt; Tabernakel van het menschgeworden Woord, quot; Bevrijd van de smet der erfzonde, p

W Waarin het Bloed van den Verlosser gevormd werd,

ocr page 109

89

Vol van genade,

Gezegend onder alle harten,

jT Troon van glorie, ^

Afgrond van ootmoedigheid, £

S Brandoffer van goddelijke liefde, lt;

g Spiegel der volmaaktheden Gods, | ^ Met Jezus Christus aan het kruis gehecht, 0

Troost der bedroefden, S

Ci 7

K Toevlucht der zondaren.

Hoop der stervenden,

Zetel der barmhartigheid.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

spaar ons, Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

verhoor ons. Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

v. Maria, onbevlekt ontvangen, zachtmoedig en ootmoedig van harte,

R. Maak mijn hart gelijkvormig aan dat van Jezus.

Laten wij bidden,

God van goedheid, die tot zaligheid der zondaren en tot vertroosting der bedrukten aan het heilig en onbevlekt Hart der allerheiligste Maagd Maria gelijkvormigheid in liefde eu barmhartigheid met het aanbiddelijk Hart van Uwen godde-lijken Zoon verleend hebt; maak, dat wij, de gedachtenis vierende van dit beminnelijk Hart, door

ocr page 110

90

de verdiensteu en voorbede der onbevlekte Maagd, ons hart mogen vormen naar liet H. Hart van Jezus. Die leeft en heersclit in de eenwen der eeuwen. Amen.

Memorare, o piissima Virgo, etc:

Gedenk, o goedertierenste Maagd Maria, dat het nooit gehoord is. dat iemand, die tot U zijne toevlucht nam, Uwen bijstand verzocht, of Uwe voorspraak inriep, door ü is verlaten geworden. Door dit vertrouwen bemoedigd, vlucht ik tot U, o Maagd der Maagden, en zuchtende onder het gewicht mijner zonden, werp ik mij rouwmoedig voor Uwe voeten neder; o Moeder des eeuwigen Woords, versmaad mijne gebeden niet, maar neem die gunstig aan, en gewaardig ü die te ver-hooren. Sta mij bij in al mijne noodwendigheden, nn en altijd, maar vooral in het uur van mijnen dood. O zachtmoedige, o goedertierene, o zoete Maagd Maria!

v. Vergun mij dat ik U love, o H. Maagd; a. Geef mij sterkte tegen mijne vijanden, v. Gezegend is God in zijne Heiligen; a. En heilig in al zijne werken.

v. Bid voor ons, H. Moeder Gods,

a. Opdat wij deel mogen hebben aan de beloften van Christus.

Gebed.

O God van barmhartigheid, ondersteun onze zwakheden, opdat wij, die op aarde de gedachtenis

ocr page 111

91

van Maria, Gods Heilige Moeder vereeren, dooide hulp barer voorspraak nit onze ongereclitiglieden mogen opstaan. Door Jezus Christus, onzen Heer. Amen.

Schietg-eljcd.

O Maria, onbevlekt ontvangen, bid voor ons, die onze toevlucht tot U nemen. Amen.

Wees gegroet, euz.

Zij die ingeschreven zijn in 't Broederschap van 't H. Hart van Maria, verdienen telkens 300 dagen aflaat, indien zij, om God te bedanken voor de voorrechten aan Maria geschonken, 's morgens, 's middags en 's avonds driemaal Glorie zij den Vader. enz. bidden: en een vollen atiaat, onder de gewone voorwaarden, éénmaal in de maand, indien zij dagelijks dit schietgebed bidden.

Pins VU, 10 Sept. 1814.

LITANIE

ter eere der Koningin van den H. Rozenkrans.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, ontferm U onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, Hemelsche Vader, ontferm U onzer. God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer. God, Heilige Geest, ontferm U ouzer. H. Drievuldigheid, één God, ontferm U onzer. H. Maria, Koningin der Hemelen, die van uw verheven troon, uwe kinderen voortdurend bewaakt, bid voor ons.

ocr page 112

92

Koningin van den H, Rozenkrans, die deze godsvrucht aan den H. Dominicus, als een krachtig middel ter zaligheid hebt aanbevolen, Heilige Koningin, wier Eozenki-ans ons de heiligste geheimen van onzen godsdienst leert kennen,

Minnelijke Koningin, wier H. Rozenkrans de zoetste troost van den Paus, van de Priesters en van alle geestelijke Orden is. Lofwaardigste Koningin, die in de koninklijke paleizen en in de hutten der armen door den H. Rozenkrans vereerd wordt.

Roemrijke Koningin, door millioenen geloovigen, die den H. Rozenkrans bidden, dagelijks ge- |-kroond,

Koningin der wereld, die, van alle volkeren § der aarde, door den H. Rozenkrans gegroet ^ wordt, g

Goedertierene Koningin, die de H. Kerk door den H. Rozenkrans als met een oudoor-dringbaar schild beschut.

Machtige Koningin, die door den H. Rozenkrans ontelbare legers der vijanden van ous H. Geloof vernietigd hebt.

Hoogverheven Koningin, wier H. Rozenkrans een zegepralend wapen is tegen den duivel, de wereld en het vleesch,

Minzame Koningin, wier H. Rozenkrans den Hemel verblijdt en de vreugde der gelukzaligen vermeerdert.

Ontzaglijke Koningin, wier H. Rozenkrans

ocr page 113

93

Satau eu de helsclie machten doet sidderen, Goedgunstige Koningin, die overvloedige genaden uitstort over degenen, die U door den H. Rozenkrans ' vereeren.

Allerzuiverste Koningin, die door den H. Eo-zenkrans de lelie der onschuld in de harten der jeugd onbevlekt bewaart.

Barmhartige Koningin, die door den H. Rozenkrans ontelbare zondaren bekeerd en geheiligd hebt.

Milddadige Koningin, die door den H. Rozenkrans den zieke, den arme, den slaaf, de weduwe, den wees, en alle bedrukten vertroost, Behulpzame Koningin, wier bijstand de schip-breukeling afsmeekt, met den H. Rozen- lt; krans, als de laatste hoop op behoud, aan o het hart gedrukt, 0

Meèdoogende Koningin, wier hulp de ster- § venden inroepen, met het Rozenkransgebed op de koude lippen,

Hemelsche Koningin, die de Engelen neder-zendt, om de ijveraars van den H. Rozenkrans op eene bijzondere wijze te bewaken en te beschermen,

Liefdadige Koningin, die de verdiensten, aan het godvruchtig bidden van den H. Rozenkrans verbonden, tot in het Vagevuur doet nederdalen.

Koningin van het heelal, van wie wij eene kroon verwachten in den Hemel, tot vergelding

ocr page 114

94

vaii den H. Eozenkrans, dien wij U hier op aarde opdragen, bid voor ons.

Lam Gods, dat wegneemt de zouden der wereld,

spaar ons, Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

verhoor ons, Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zouden der wereld,

ontferm U onzer.

v. Bid voor ons, o Koningin van den H. Rozenkrans, a. Opdat wij waardig worden de beloften vau Christus.

Gel»ed.

O God van geuade en barmhartigheid, vergun ons het geluk van altijd te mogen genieten de krachtdadige bescherming van de roemrijke Maagd Maria, die wij door den H. Eozenkrans vereeren; opdat wij door haren bijstand en door de verdiensten van die onschatbare godsvrucht ondersteund, in Uwe liefde mogen leven en sterven. Amen.

LITANIE

ter eere van 0. L. V, van Smarten,

Heer, ontferm ü onzer.

Christus, ontferm ü onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, Hemelsche Vader, ontferm U onzer. God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer.

ocr page 115

95

God, H. Geest, ontferm U euzer. H. Drievuldigheid, één God, ontferm U onzer. H. Maria, Moeder van Smarten, Md voor ons. Lijdende Moedermaagd, die van de geboorte van Uwen Zoon af, reeds getroffen waart door Zijn toekomstig lijden,

Smartvolle Moeder van den Verlosser, die gedwongen waart Uw teergeliefd Kind op stroo in eene armoedige kribbe nêer te leggen, Teêrhartige Moeder, die uwen Jezus bemindet als uwen Zoon en uwen God, en daarom door het grievendst voorgevoel werdt gepijnigd bij de voorzegging van Simeon, Beangste Moeder, die door duizende ongerustheden werdt gekweld, toeu Gij genoodzaakt waart met het goddelijk Kind naar Egypte te vluchten,

Weenende Moeder, wier medelijdend hart diep bedroefd werd door den dood der Onnoozele Kinderen,

Ontroostbare Moeder, wier ziel aan den wreed-sten angst ten prooi was, toen Gij gedurende drie dagen uw verloren Kind rusteloos zocht, Behoeftige Moeder, die met uwen Jezus het

brood der armoede hebt gegeten,

Moeder van den vervolgden Zaligmaker, die de bedreigingen en den smaad der Farizeën tegen uwen goddelijken Zoon, in het diepste uwer ziel gevoeldet.

Beklagenswaardige Moeder, wier Zoon tot uwe

ocr page 116

9(5

overgroote smart, verraden, gevaiigen genomen en mishandeld werd,

Gefolterde Moeder, die in de wreedste droefheid werdt gedompeld bij de onmenschelijke geeseling van Uwen, zoo innig beminden Zoon, Wreed bedroefde Moeder, die zoo onuitsprekelijk veel hebt geleden om de dooruenkroning Uws teergeliefden Zoons,

Gemartelde Moeder, wier hart van droefheid dreigde te bezwijken, toen uw verguisd Kind tot den schandelijken kruisdood verwezen werd, td Gekruiste Moeder, die uwen Jezus naar de ^ strafplaats volgend. Hem voor uw moeder- = oog aan het vloekhout zaagt vastklinken, quot;■ Rouwvolle Moeder, die bil den doodsnik van §

M

uwen goddelijkeu Zoon, een zoo hartver- ' scheurend leed gevoeldet, dat Gij, zonder Gods bizonderen bijstand, zoudt gestorven zijn,

Allerbedrukste Moeder, wier droefheid nog vermeerderde, toen men uwen Jezus, levenloos en met bloed en wonden overdekt, op uwen moederlijken schoot nederlegde,

O Maria, Moeder der Smarten, Koningin dei-Martelaren,

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

spaar ons. Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld^

verhoor ons. Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U onzer, Heer.

ocr page 117

97

v. Bid voor oils, Maria, Moeder van Smarten. e. Opdat wij waardig worden de beloften van

Christus.

Gebed.

Koningin der Martelaren, allerheiligste Maagd en Moeder Gods Maria, die de smarten, veroorzaakt door het zevenvoudig zwaard, dat Simeon, U, bij de opoffering van uw teergeliefd Kind, in den tempel voorspelde, met zulk een groote liefde en onwrikbaar geduld verduurd hebt, verkrijg voor ons, Uwe kinderen, dat wij steeds elk ziele-lijden, dat ons overkomt, naar het voorbeeld van Uwen goddelijken Zoon, met ootmoedige onderwerping en standvastig geduld, uit liefde tot Hem mogen dragen. Door Jezus Christus, onzen Heer. Amen.

Aan de Moeder van smarten.

Gegroet zijt Gij. o Maria, vol van smarten, de Gekruiste is met U ; Gij zijt medelijdenswaardig ouder de vrouwen, en medelijdenswaardig is de vrucht uws lichaams, Jezus.

Heilige Maria, Moeder des Gekruisten, verwerf ons, die uwen Zoon gekruisigd hebben, tranen, nu en in het uur van onzen dood. Amen.

(Afliiat van 300 dagen telkens. Pius IX, 33 Dceember 1847. Toevoogclijk aan de zielen in het vagevnnr.)

Gebed tot O. L. Trouw van Smarten.

() Moeder van Smarten, Koningin der Martelaren, Gij, die Uwen Zoon, voor mijne zaligheid aan het kruis gestorven, zoozeer hebt beweend,

ocr page 118

98

waartoe zullen mij uwe tranen dienen, indien ik het ongeluk heb verloren te gaan? Ach neen. goede Moeder, doe mij dien afgrond van alle kwaad, dien ik. helaas! door mijne zonden zoo dikwijls verdiend heb, ontwijken. Verwerf mij eerder door de verdiensten van uw lijden, een waar leedwezen over mijne zonden, en een oprechte verandering van leven. Verkrijg mij ook, o medelijdende Moeder, het verlangen en den moed om tot uitwissching van zoo menige ondankbaarheid, waardoor ik uw lijden en dat van uwen teêrbeminden Zoon zoo dikwerf vernieuwde, uit wederliefde iets te mogen lijden.

Met den H. Bonaventura zeg ik U dan: „O mijne Vorstin, indien ik U beleedigd h^b, eischt de liefde, dat ook mijn hart gekwetst worde; heb ik U echter gediend, dan toch vraag ik U, dezelfde wonden tot belooning; want het zou eene schande voor mij zijn, niets te lijden, terwijl ik zie, hoe mijn Jezus, en Gij, mijne Moeder, uit liefde tot mij, met het zwaard van het grievendst lijden doorstoken zijt.quot; Eindelijk, o Koningin der Martelaren, door de smart, die GHj gevoeld hebt, toen uw goddelijke Zoon, onder uwe oogen, op het kruis in de hardverscheurendste folteringen den geest gaf, verwerf voor mij een goeden dood. Ik smeek U ook, o Voorspreekster der zondaren, sta mijne ziel in dien vreeselijken overgang van dit leven naar de eeuwigheid bij; en wijl uw heilige naam met die van uw goddelijk Kind in dit leven mijne zoetste hoop uitmaken, doe mij

ocr page 119

99

sterven met de vertrouwvolle woorden op de lippen: Jezus, Maria, in uwe handen beveel ik mijne ziel. Amen.

Gebed tol O. L. Tromv van Smarten.

O heilige Maagd, teedere Moeder, Vrouw van Smarten! hier aan den voet uws Altaars neêr-geknield, wordt mijne ziel bij het aanschouwen uwer beeltenis met het diepste medelijden vervuld. Wie toch was onmenschelijk genoeg, ü zoo te doen lijden? Wie zoo wreed het volmaakste moederhart met een zevenvoudig zwaard te doorsteken? Wie was de ondankbare, die, na tallooze weldaden ontvangen te hebben, zijne weldoenster met zooveel grievend leed beloonde? Ach, lieve Moeder, ik zelf was dat snoode, ongevoelige schepsel, dat uwe teederste liefdeblijken met den zwartsten ondank vergold. Ik was het, die door mijne zonden, met eigen hand het zwaard van droefheid zoo menigmaal opnieuw in dat lijdend moederhart stiet. O goede Moeder van Smarten, ik beken hier ootmoedig mijne schuld: ach, vergeef mij het onnoemelijk lijden, dat ik ü en uwen goddelijken Zoon veroorzaakt heb, en helaas, zoo dikwerf vernieuwde. Ach, verstoot de dringende bede van uw berouwvol kind niet; vergeet lieve Moeder, ik smeek het U, de droefheid, die ik uw liefdevol hart aandeed, en verkrijg voor mij de vergiffenis mijner menigvuldige zonden en ongetrouwheden; alsmede de genade om voortaan met eene groote liefde en edelmoedig-

ocr page 120

100

heid het enge pad der deugd te bewandelen en nimmermeer, zelfs niet door de kleinste vrijwillige zonde, uw moederhart te bedroeven, en het lijden van uw teêrgeliefden Zoon te hernieuwen.

O bedrukte Moeder, thans meer dan ooit treffen mij uwe smarten. Met een innig gevoel van medelijden neem ik deel in de droefheid, die het eerste zwaard U veroorzaakte, toen de heilige grijsaard Simeon U al het lijden voorspelde, dat uw Zoon zou te doorstaan hebben; doch dierbare Moeder, door die smartvolle gedachtenis, welke uwe ziel gedurende zoovele jaren verscheurde, smeek ik U, gedoog niet, dat ik ooit weer behagen scheppe in lichtzinnige, ijdele en zondige gedachten ; maar laat in geheel mijn leven, en vooral in het uur vaa mijn sterven, het lijden van Jezus en uwe droefheden in mijn hart gegrift blijven.

O lijdende Moeder, ook het tweede zwaard, dat uw gevoelvol hart doorboorde,. stemt mij tot diep medelijden. Ach, wat moet er in uwe ziel zijn omgegaan, toen gij uw onschuldig Kind aan den haat van een wreeden dwingeland zaagt blootgesteld ; en Gij dien goddelijken Schat aan de gevolgen eener lange, moeielijke reis en aan een verblijf in eeu vreemd land moest onderwerpen. O, ik bid U lieve Moeder, door deze smart mij de genade te bekomen, al het lijden en den rampspoed van dit ellendig leven met geduld te verdragen, om daardoor in het ander leven de eeuwige pijnen te ontgaan, die ik, helaas, zoo dikwijls verdiend heb.

ocr page 121

101

O smartvolle Moeder, ook neem ik innig deel in het lijden der diepe hartewond, U door het derde zwaard toegebracht. Wie beschrijft het hartzeer, dat Gij doorstondt, bij het verlies van uw dierbaar Kind. Verwerf mij, o teedere Moeder, door deze droefheid de genade vau nimmermeer mijn God door de zonde te verliezen; maar na mijn geheel volgend leven met Hem vereenigd te zijn geweest, ook door dien heiligen liefdeband omsloten te sterven.

O bedroefde Moeder, welk leed gevoelt mijn hart bij de overdenking der zielesmart, welke het vierde zwaard, de veroordeeliug van uwen dierbaren Jezus tot den schandelijken kruisdood, U deed ondergaan. En wie schetst het naamloos lijden, toen Gij Hem, den Redder der menschen, op Zijn bloedigeu tocht, met een zwaar kruis beladen, aanschouwdet. Welk een schat van reine liefde en medegevoel lag er in uwen blik, die den Zijnen ontmoette. O mijne edelmoedige Voorspreekster, verwerf mij door de verdiensten van zooveel droefheid de genade, van in eene volmaakte onderwerping aan Gods H. Wil te leven, en de kruisen, welke God mij zal overzenden uit dankbaarheid eu wederliefde met geduld te dragen.

O beproefde Moeder, met kinderlijk medelijden deel ik ook in de smart, uw moederhart toegebracht, toen het vijfde zwaard U wondde en Gij op den Kalvarieberg onder uw moederlijk oog den teedersten Zoon, in de gruwzaamste pijnen.

ocr page 122

102

op het kruis zaagt lijden en sterven, zonder Hem de minste verzachting te kunnen bieden. Ach, lieve Moeder, verkrijg in ij door dat grenzenloos zieleleed de genade van te leven en te sterven, gekruist aan alle aardsche zaken. Doe mij voor God alleen leven, om Hem eens van-aanschijn tot aanschijn te mogen aanschouwen.

O medelijdenswaardige Moeder, ik deel in de droefheid 11 door het zesde zwaard veroorzaakt, toen Gij het H. Hart van uwen reeds gestorven en teêrbeminden Zoon nog met eene lans zaagt doorsteken. Ik smeek ü, teedere Moeder, mij door die smart de genade te bekomen, van immer in het H. Hart van Jezus, in alle bekoringen en gevaren, welke mijne ziel bedreigen, eene schuilplaats te zoeken ; eene schuilplaats, waar de wereld met haar bedriegelijk schoon mij niet vervolgen kan; maar waar mijne gedachten en genegenheden slechts den God van liefde tot voorwerp hebben.

O allerteederste Moeder, met het innigste mede-doogen deel ik ook in uwe zevende smart, toen Gij het ontzielde, doorwonde en misvormde lichaam van uwen Jezus in uwe armen ontvingt. Door zoovele verschillende martelingen, die Gij toen moest verduren, verwerf mij, o liefdevolle Moeder, vergiffenis van al de beleedigingen, waaraan ik mij ten opzichte van God heb plichtig gemaakt ; ach, lieve Moeder, zij zijn mij innig leed. Neen, nimmer wil ik weder zoo ondankbaar zijn. Bescherm mij ook in de bekoringen; opdat ik in

ocr page 123

103

den strijd met deu vijand mijner ziel niet be-zwijke; maar door ü bijgestaan, eens in die veilige haven aanlande, waar ik gedurende de gelieele eeuwigheid uwen lof en dien van Jezus, Uw goddelijken Zoon, moge bezingen. Amen.

Gebed.

Wij bidden U, Heer Jezus Christus! laat voor ons, bij Uwe goedertierenheid, nu en in het uur des doods, de H. Maagd Maria, Uwe Moeder spreken, wier allerzaligste ziel in het uur van Uwen dood, door een zwaard van droefheid is doorstoken. Dit bidden wij U, Jezus Christus, die met deu Vader en den H. Geest leeft en heerscht in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

(100 dagen aflaat, aan allen, die vrijdags 's namiddags ten drie unr, knielende, godvruchtig bidden, vijfmaal Onze Vader en Wees gegroet, ter gedachtenis van 't lijden en den doodstrijd van J. C., tot intentie van Z. H. den Paus. (Benedictus XIV. 13 December 184U.)

^800 dagen aflaat, aan allen, die knielende, ter eere van Jezus' lijden en doodstrijd, driemaal Onze Vader, en ter eere van Maria's smarten driemaal Wees gegroet bidden, voor hen, die in doodstrijd zijn; en een vollen aflaat, eens in de maand, op een dag naar keuze, onder de gewone voorwaarden, aan allen, die deze oefening dagelijks in de maand verrichten.)

ocr page 124

104:

LITANIE

ter eere van den H. Jozef,

Heer, ontferm U onzer.

Christus, ontferm ü onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, Hemelsche Vader, ontferm U onzer. God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm ü onzer. God, H, Geest, ontferm U onzer. H. Drievuldigheid één God, ontferm U onzer. H. Maria, onbevlekte Maagd, bid voor ons. H. Maria, Moeder Gods,

H. Maria, Bruid van den H. Jozef,

Heilige Jozef,

Patroon der Kerk,

Helper en waar beeld van Maria,

Goede Herder van het Lam Gods,

Leidsman van Jezus op de vlucht,

Bestierder der Vleeschgevvorden Wijsheid, _ Volmaakt voorbeeld van gehoorzaamheid, S quot;g Getrouwe bewaarder van den Hemelschen

Schat. §

^ Beschermer van de maagdelijke zuiverheid van Maria, §

Schitterende lelie van zuiverheid,

Werktuig van den grooten Raad, Voedstervader van Hem, die alles spijzigt. Werkman, verhevener dan de koningen, Pleegvader van den Zoon Gods,

ocr page 125

105

Die Jezus op uwe armeu hebt gedragen, Verlosser des opgeofferden Verlossers,

Die deu Redder der wereld gered hebt, Beschermer der mensclien,

Die in alles met Gods welbehagen overeenstemt, s-® Maagd, Bruidegom der Moedermaagd, ^ Vol ijver voor de zaligheid der zielen, § ^ Allervurigste in liefde, ^ 1-1 Allernederigste in ootmoedigheid, g Die door den H. Geest zelf rechtvaardig

zijt verklaard,

Man naar Gods hart,

Getrouwe en wijze dienaar,

Medehulp van Maria,

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,

spaar ons. Heer.

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,

verhoor ons. Heer.

Lam Gods, dat de zouden der wereld wegneemt,

ontferm ü onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

v. Bid voor ons, heilige Jozef,

r. Opdat wij waardigquot; worden de beloften van Christus.

Gebed.

Wij bidden U, Heer Jezus, dat Gij ons dooide verdiensten van den zuiveren Bruidegom uwer heilige Moeder hulp wilt veiieenen, opdat, hetgeen

ocr page 126

106

wij door ons zelven uiet kunnen verkrijgen, door zijn voorspraak ons geworde. Die leeft en heersclit in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Oremus.

Beat! Patriarcliae Joseph, Sanctissimae Geni-tricis tuae, Spousi, qnaesumus Domine meritis adiuvemur ut quod possibilitas nostra non obtinet eius nobis intercessione donetur, Qui vivis etc.

(300 dagen aflaat. Pius VII.)

Gebed tot den Heilijren Jozef.

Voorgeschreven door Z. H. Pans Leo X1IT.

Tot u, heilige Jozef, vluchten wij in onze beproeving en na de hulp uwer allerheiligste Bruid te hebben ingeroepen smeeken wij met betrouwen ook uwe bescherming af. Wij bidden u ootmoedig bij die liefde, die u met de onbevlekte Maagd en Hoeder Gods vereenigd heeft, en bij de vaderlijke teederheid, waarmede gij het Kind Jezus hebt omhelsd, dat gij goedgunstig nederziet op het erfdeel, hetwelk Jezus Christus zich verworven heeft door zijn Bloed, en ons in den nood met uwe sterkte en bijstand te hulp komt.

O zorgvolle Bewaarder van liet goddelijk Gezin, behoed het uitverkoren kroost van Jezus Christus; o liefdevolle Vader, zie toe dat geen dwalingen of zonden ons besmetten; o onze machtige beschermer, sta ons uit den hemel genadig bij in dezen strijd met de heerschappij der duisternis; en gelijk gij weleer het Kind

ocr page 127

107

Jezus aan liet grootste levensgevaar ontrukt hebt, bevrijd thans evenzoo de heilige Kerk Gods van de vijandelijke lagen en allen rampspoed; en beschut ieder onzer met uwe altijddurende bescherming, opdat wij naar uw voorbeeld, en ondersteund door uwe hulp, heilig kunnen leven, zalig sterven en het eeuwig geluk in den hemel verkrijgen. Amen.

..Aan ieder die dit gebed, waarvan wij bovenstaande vertaling bij deze goedkeuren, godvruchtig bidt, heeft Z. H. Pius Leo XIII een aflaat verleend telkenmale van 7 jaren en 7 quadragenen.quot; Z. D. H. Mons. P. M. Snickers, aartsb. van Utrecht.

Memorare van den H. Jozef.

Z. H. Pius IX heeft 300 dagen aflaat gehecht aan dit gebed, eens daags te verdienen.

Gedeuk, o allerzuiverste Bruidegom van de Maagd Maria, heilige Jozef, mijn beminde Beschermer, dat het nooit gehoord is, dat iemand, die onder uwe bescherming zijne toevlucht nam en uwe hulp inriep, zonder troost is gebleven. Door dit vertrouwen aangemoedigd, kom ik tot U en beveel mij dringend aan U. O Gij, die de Voedstervader des Verlossers waart, verstoot mijne gebeden niet; maar gewaardig U ze aan te nemen en te verhooren. Amen.

Oebcd van ouders voor hunne kinderen.

Verheven H. Jozef, die onzen goddelijken Zaligmaker tot Vader verstrektet om 't Hem met Zijne dierbare Moeder te verzorgen en te bewaren, wij, die belast zijn met de verheven, maar zware

ocr page 128

108

verplichting', onze kinderen tot Zijne eer op te voeden, naderen tot U om in de vervulling onzer ouderlijke plichten, door uw voorbeeld en uwe voorbede geholpen te worden. Verkrijg ons een liefdevol geduld, eene wijze voorzichtigheid, eene niet te groote toegeeflijkheid. Leer ons, behoorlijke zorg te hebben voor het tijdelijk welzijn onzer kinderen; maar schenk ons vooral een grooten ijver om hunne geestelijke opvoeding te behartigen, zoowel door onze ouderrichting, als door ons voorbeeld; en mocht het noodig zijn, door eene tijdige berisping.

Wij dragen ü op en wijden U toe de dierbare kinderen, die God ons heeft toevertrouwd. Wees him een beschermer en vader; bewaar den schat hunner onschuld; behoed hen voor alle gevaren naar ziel en lichaam; boezem hen, reeds van hunne vroegste jaren, eeue teedere liefde in voor U, voor Maria, uwe onbevlekte Bruid, eu voor Jezus, haren goddelijken Zoon. Dat uwe heilige bescherming onze beminde kinderen tegen alle gevaar beveilige; dat uw vaderlijke zorg over hunne handelingen wake, en hen in hunne ondernemingen bestiere. Gelief hen voortdurend te bewaren tot aan hunnen dood; opdat Gij hen moogt binnenvoeren in het rijk der hemelen, waar zij in alle eeuwigheid de goddelijke barmhartigheid en uwe vaderlijke goedheid zullen loven, en onze vreugde, gelijk wij hopen, zullen vermeerderen. Amen.

ocr page 129

109

Oebed van de Jeugrd.

Heilige Jozef, die als een goed vader eu getrouwe leidsman Jezns Christus in Zijne jeugd bestierd hebt, ik bid U, door de vaderlijke liefde, die Gij betooud hebt aan den Zoou Gods tijdens Zijn sterfelijk leven, wil ook mij voor uw kind aannemen.

In de jaren mijner jeugd, door de verleiding der wereld, en door de strikken van den duivel aan zoovele gevaren blootgesteld, behoef ik vooral een wijzen raadsman, een voorzichtigen geleider, een liefdevollen vriend, die mij op den weg mijns levens bestieren, geleiden en bewaren wil. Daarom kies ik U, heilige Jozef, met kinderlijke eenvoudigheid tot mijn vader en beschermer. Onder uwe vaderlijke hoede heb ik niets te vreezen; want Gij zijt de machtige behoeder der jeugd.

Verkrijg voor mij eene groote leerzaamheid en onderworpenheid aan de geboden Gods en de beschikkingen mijner ouders en oversten; bewaar in mij de zuiverheid naar ziel en lichaam. Sta mij ter zijde, bij al mijne gedachten, woorden en werken; schenk mij de wijsheid en voorzichtigheid, de waakzaamheid des harten, de beteugeling- dei-zinnen en den ijver in alles, wat mijn geestelijk heil bevorderen kan. Ondersteun mij, opdat ik in jaren toenemend, tevens moge aangroeien in wijsheid en behagelijkheid bij God en de menschen. Sta mij bij al de dagen mijns levens, opdat Jezus het begin en het einde zij van alles, wat ik ooit verrichten zal. Amen.

ocr page 130

no

Gebed om vooi-lieliting1 in het verkiezen van eeu levensstaat.

Roemrijke H. Jozef, die zoo bereidwillig de inspraken van den H. Geest liebt opgevolgd, verkrijg voor mij de genade om den levensstaat te kennen, waartoe Gods Voorzienigheid mij geroepen lieeft. Ik weet, dat alle licht van deu Hemel moet komen, en de mensch zich zoo gemakkelijk misleiden kan in alles, wat zijn tijdelijke bestemming aangaat; daarom ueem ik, bij deze gewichtige levensvraag, met betrouwen mijne toevlucht tot U, o H. Jozef.

Duld niet, dat ik mij bedriege in de beslissing eener keuze, waarvan mijne eeuwige zaligheid afhangt. Maak, dat ik verlicht zijnde door den fakkel des geloofs en der rede, bestuurd door den wijzen raad van anderen, den goddelijken wil kenne en getrouw opvolge; opdat ik den weg bewa.ndele, dien de Heer mij heeft aangewezen; aldus mijn tijdelijk geluk verzekere en mijne eeuwige bestemming bereike. Amen.

Schietgebed.

Doe ons, o Jozef, een onschuldig leven leiden, en moge het onder uwe bescherming veilig zijn.

('SOO dagen aflaat, eenmaal daags.) Leo XIII. 18 Maart 1882

ocr page 131

Ill

GEBEDEN

ter eere van den H. Dominicus,

tot afwering: tier verscliillende rampen, waarmede God de wereld bedreigt.

Eerste Gebed.

v. Goede Jezus, om de bede van ■ Dominicus, h. Maak ons welbehagelijk in Uwe oogen. O goedertieren Vader, H. Dominicus, die door God aan de wereld tot heil der menschen gegeven zijt, gewaardig u lien, die in den nood hunne toevlucht tot u nemen, goedgunstig bij te staan. Verhoor ons op den dag, waarop wij u in onze ellenden aanroepen, gij, die door uwe verdiensten bij God zoo machtig zijt, verlos ons van alle zichtbare en onzichtbare vijanden, en verkrijg ous na dit rampvol leven de eeuwige vreugde des hemels. Amen.

Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.

Tweede gebed.

v. In al onze kwellingen en wederwaardigheden e. Helpe ons de H. Dominicus.

. O medelijdende Vader, H. Dominicus, moedige verdediger der Kerk en krachtige voorspraak van het menschelijk geslacht, hoor de gebeden der ge-loovigen aan, die in druk en angst verkeeren. Verzoen ons, door uwe heilige en vermogende gebeden, met God, dien wij door onze menigvuldige

ocr page 132

112

zonden vertoornd hebben, bevrijd ons van alle gevaren naar ziel on lichaam, en bid voor ons opdat wij eenmaal in den hemel worden opgenomen, waar geen kommer en verdriet weer zijn zal. Amen.

Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.

Derde gebed.

v. De H. Dominicus beware ons als den appel

zijner oogen.

b. En bescherme ons onder de schaduw zijner vleugelen.

O allerteederste Vader H. Dominions, zekere troost en krachtige hulp voor ongelukken, open uw medelijdend hart voor hen, die onder de slagen der rechtvaardigo Voorzienigheid gebukt gaan. Verstoot onze nederige gebeden niet, maar verlos ons van alle geestelijke en tijdelijke rampen die ons en de geheele wereld bedreigen, bid voor ons, arme bannelingen op de reis naar de eeuwigheid, en voer ons over naar het rijk van vrede en zaligheid. Amen.

Onze Vader, Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.

ocr page 133

De 15 Dinsdagen

ter eere

van den H. DOMINICUS.

CtEBED

»

eer meu deze devotie begint.

0 glorievolle H. Yader dominicus, krachtige voorspraak der zondaren en trooster der bedroefden, ik neem mij vastelijk voor, vijftien achtervolgende Dinsdagen, onder uwe aanroeping, ter eere van de vijftien Mysteriën van den H. Rozenkrans, te biechten en te communiceeren, met de hoop en het vast betrouwen, dat ik door uwe krachtige voorbede, indien het mij zalig is, de gunst zal verkrijgen, waarom ik God nu smeek.

(Hier noemt of deukt men bij zich zeiven de intentie, waartoe men deze devotie gaat honden.)

GEBED,

vóór dat van eiken Dinsdag-.

O goedertieren Heer en God, wij bidden U zeer ootmoedig, dat de genade van den H. Geest ons altijd moge bijstaan, en dat zij onze harten geheel en al zuiverende, ons ook bevrijde van allen tegenspoed en kwaad. Daarom, o allerbeminnelijkste en allerliefderijkste jezus, die Uwen Belijder, den H. Vader dominicus, door den ge-

ocr page 134

114

durigeu glaus van mirakelen de geheele wereld door vermaard maakt, verleen ons genadig, dat wij door zijne voorspraak mogen verkrijgen, hetgeen wij met betrouwen om zijne verdiensten verzoeken. Die leeft en heersclit in alle eeuwigheid der eeuwigheden. Amen.

GEBEDEN,

die men lezen moet na liet g-ebed van eiken Dinsdag'

VERZUCHTING tot den H. Vader DOMIXICVS.

Responsorium: O Spein miram.

v. O wonderbare hoop, die gij gegeven hebt aan hen, die u in het uur van uwen dood beweenden, toen gij beloofdet uwe broeders na uwen dood te znllen bijstaan!

a. Vervul, o Vader, wat gij beloofd hebt, en help ons door uwe gebeden.

v. Gij, die door zoovele wonderen hebt uitgeschenen in het genezen van lichamelijke ziekten, genees ook onze geestelijke kwalen door voor ons de genade van Christus te verkrijgen.

a. Vervul, o Vader, wat gij beloofd hebt, en help ons door uwe gebeden.

v. Glorie zij den Vader, den Zoon ea den Heiligen Geest.

a. Vervul, o Vader, wat gij beloofd hebt, en help ons door uwe gebeden.

ocr page 135

115

Antiphoon. Groote H. Vader Dominicus, neem ons bij u in het uur van onzen dood, en aanschouw ons hier altijd met een. gunstig oog. v. Bid voor ons H. Vader Dominicus, k. Opdat wij waardig worden de beloften van Christus.

Laten wij bidden.

O God, die U gewaardigd hebt. Uwe Kerk te verlichten door de verdiensten en leeringen van Uwen Belijder, den H. Vader Dominicus, geef dat haar door zijne voorspraak geen hulp ont-breke in het tijdelijke, en dat zij altijd moge toenemen in het geestelijke. Door onzen Heer, Jezus Christus, Uwen Zoon, die met U leeft en heerscht in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Antiphoon.

Geloofd zij de Verlosser van allen, die, bezorgd voor het heil der menschen, den H. Dominicus aan de wereld gegeven heeft.

v. Bid voor ons, H. Vader Dominicus,

e. Opdat wij waardig worden de beloften van

Christus.

Laat ons bidden.

Geef ons, bidden wij, almogende God, dat wij, die onder den last onzer zonden gebukt gaan, door de voorspraak van Uwen Belijder, onzeu H. Vader Dominicus, daarvan mogen ontheven worden, door Jezus Christus onzen Heer. Amen.

ocr page 136

116

OPMERKING.

-

Het is wel geen plicht, maar toch loffelijk, dat men hetzelfde gebed, dagelijks blijft bidden tot den volgenden Dinsdag wanneer er iceêr een ander gebed begint.

Het is loffelijk ook, dat men ten minste eens in de week ook de Litanie bidt, van den H. Domi-nicus, zie hlz. 149.

Wanneer men twee achtereenvolgende Dinsdagen bij de oefeningen tegenwoordig is en éénmaal tot de H. Communie nadert, kan men een vollen afleiat verdienen.

Leo XIII — 14 Juni 1879

ocr page 137

117

GEBED

voor den EERSTEN DINSDAG.

Bid hier eerst het gebed op blz. 113: O goedertieren, enz.

DE VIJF BLIJDE MYSTERIEN. HET lste MYSTERIE.

Jezus wordt Mensch om onze Verlosser te wezen.

De H. Dominieus is ons door God gegeven, om onze voorspraak te z\jn.

Gebed.

O liefderijkste. Jezus, Zoon vau den levenden God, ik dank ü uit het diepste mijns harten, en ik noodig' alle Heiligen in den Hemel en alle menschen op aarde uit, om met mij U zonder ophouden te danken, dat Gij door eene onuitsprekelijke goedheid en liefde U zeiven met ons sterfelijk vleescli bekleed hebt in den allerreinsten schoot Uwer allerheiligste Moeder Maria, om onze Verlosser te wezen, ons reddende uit de slavernij des duivels, ons verzoenende met God. Uwen Hemelschen Vader, en ons vrijsprekende van de eeuwige verdoemenis.

Te gelijk met Uwe Bruid, de H. Kerk, dank en loof ik U ook, o allerminnelijkste Jezus, dat Gij nog dagelijks de verdiensten van Uwe allerheiligste Menschwording over ons uitstort; dat Gij, terwijl wij om onze zonden gedurig nieuwe straffen verdienen, dagelijks in de aanbiddelijke

ocr page 138

118

Offerande der H. Mis op zoovele duizenden plaatsen, ja, de geheele wereld door, U zeiven met Uwe allerheiligste Godheid en Menschheid tegenwoordig stelt op onze Altaren, om ü voor ons aan Uwen Hemelschen Vader op te offeren; mede dank ik U, dat Gij, bij dienzelfden troon van Barmhartigheid, ons bovendien Uwen H. dienaar Dominicus gegeven hebt, om Gods straffende rechtvaardigheid van ons af te weren.

O glorievolle Vader H. Dominicus, daar gij ons van God tot een zoo heilzaam einde gegeven zijt, zoo neem ik naast God, mijnen Schepper, op Wien ik al mijn betrouwen stel, mijne toevlucht tot de allerheiligste Maagd Maria en tot u. Ik stel mij onder den mantel uwer bescherming, en bid u ootmoedig, mij te willen ontvangen onder het getal, zoo al niet van uwe kinderen, dan toch van uwe getrouwe dienaren, want ik houd mij verzekerd, als het mij zalig is, van God te zullen verkijgen, wat ik Hem door uwe voorspraak vraag, indien gij mij slechts door uwe genegenheid te hulp komt. IJver dan, o allerliefste Vader bij Jezus voor mijne oprechte bekeering, door uwe voorbede, en verwerf mij verhooring in datgene, waarom ik mijn Zaligmaker nu door deze godvruchtige oefening aanroep. Hierna bidt men de gebeden op blz. 114 en 115.

ocr page 139

119

TWEEDE DINSDAG.

Bid hier eerst het gebed op blz. 113: O goedertieren, enz.

HET 2de MYSTERIE.

Jezus begint, aanstonds na Zyne Mensehwording, reeds het ambt van Zaligmaker uit te oefenen, door Zyne komst het huis van Zacharias met allen zegen vervullende.

De H. Dominicus brengt den zegen Gods op alle plaatsen, waar hij zich bevindt.

Gel»ed.

O allerbeminelijkste Verlosser, ik dank U, dat, zoodra Gij ontvangen werdt in den schoot der allerheiligste Maagd Maria, Gij haar inwendig bewogen hebt, om zich over het gebergte van Judea, naar het huis van Zacharias te begeven, alwaar Gij het ambt van Zaligmaker reeds hebt willen uitoefenen, dat huis met allen hemelschen zegen vervullende; Gij hebt daar den H. Joannes den Dooper in den schoot zijner moeder geheiligd, hem zuiverende van de erfzonde, en Elisabeth, zijne moeder, hebt Gij met den H. Geest vervuld.

O mijn welbeminde Jezus, ik bid II, wil toch van mij en de mijnen den vloek afweren, die ons om de zonden, welke wij bedreven hebben, boven het hoofd hangt. Het is waar, o Heer, om mijne zonden verdien ik, dat Gij mij van Uw aanschijn verwerpt; doch lieve Jezus, doe dit niet, maar zie met een genadig oog op mijn vernederd en verootmoedigd hart, terwijl ik mij voor uwe voeten nederwerp, onder de bescherming van Uwen getrouwen dienaar, den H. Vader Domini-

ocr page 140

120

cus, dien Gij aan de menschen gegeven hebt, om door zijne voorspraak den vloek van hen af te weren en Uwen zegen over hen te doen nederdalen.

O glorievolle H. Vader Dominicus, gedurende geheel uw leven vlamdet gij van liefde Gods en van liefde tot uw evenmensch zoodat gij overal, waar gij kwaamt, den zegen Gods medebracht, zooals: voor uwe broeders, liet brood en den wijn mirakuleus vermenigvuldigende, toen zij in nood waren: op eene andere plaats te midden van een hevig ouweder, dat alles in den omtrek vernielde, het huis en de wijngaarden vau den persoon, die u huisvestte, er tegen beveiligende; elders, degenen, die u gastvrijheid bewezen, dooide voorbeelden van uw streng leven tot het ware Geloof bekeerende: terwijl uwe woorden zoo liefderijk iuuémend waren, dat gij de harten der grootste zondaars tot inkeer bracht, als zij slechts het geluk hadden, met u te spreken, eu nooit liet gij een bedroefde of ongelukkige ongetroost van u heêngaan.

O machtige H. Vader, ook ik heb uwe vertroosting, uwe voorspraak noodig ; verwerf mij eerst en vóór alles meerdere zuiverheid van ziel en eene vermeerdering der Goddelijke liefde in mijn hart, verkrijg mij daarna verhooring bij God in die zaak, waarom ik nu bid en deze devotie begonnen ben.

Hierna bidt men de geleden op hlz. 114 en 115.

ocr page 141

121

DERDE DINSDAG.

Bid hier eerst liet gebed op blz. 113; O goedertieren, enz.

HET 3de MYSTERIE.

Jezus laat op den dag van Zyne Geboorte door de Engelen aan alle menschen van goeden wil den vrede verkondigen.

De H. Dominicus is in zijnen t\jd, uit naam van God, de verkondiger van heil en vrede aan de zondaars van goeden wil.

(Jelted.

Ik verheug raij, o Jezus, [Jwe allerheiligste Geboorte overwegende ; ik verblijd mij, o liefderijke Verlosser der wereld, de nieuwe tijding te hooren, die Gij ons ten opzichte van Uwe geboorte door Uwe Engelen doet verkondigen. O, Koning der glorie, door de geheele wereld geeft Gij den vrede aan de menschen vau goeden wil en Gij verzoent hen met Uwen Hemelschen Vader. O mijn welbeminde Jezus, op die gelukkige tijding, wyordt mijn hart met hoop en een vast betrouwen op U vervuld. Ik bid ü dan heden, o God, die voor mij een teeder, machteloos kind geworden zijt, verzoen mij, nu ik bij deze H. Communie de gedachtenis van Uwe Geboorte vier, verzoen mij met Uwen hemelschen Vader, schenk mij het hart van een ootmoedig kind, om altoos stiptelijk aan de geboden van mijnen Vader in den hemel te gehoorzamen en mij volkomen aan Zijnen allerheiligsten wil te onderwerpen, en schenk mij daarbij den vrede, die uit een zoo ootmoedig kinderlijk hart voortkomt. Ik verfoei van nu af al mijne zonden en de zonden der geheele wereld, en ik neem mij vast voor, voortaan meer en meer met Uwen bijstand mijne gebreken te overwinnen.

ocr page 142

122

dc gelegenheid der zonde te schuwen en in alle christelijke deugden toe te nemen.

O heilige Vader Dominicus, gij zijt in deze laatste eeuwen de Apostel van den Koning des Hemels geweest, om de zondaars tot God terug te roepen en hun van Gods wege een eeuwig geluk, een eeuwigen vrede te verkondigen, indien zij van goeden wil zijn, om zich oprecht tot God te bekeeren.

Groote Heilige, mijn beminde Voorspreker, ik bid u, stel mij aan de goddelijke Majesteit voor met al mijne goede voornemens, en versterk mij in dezelve door uwe voorbede, opdat ik niet meer hervalle in mijne zonden, maar een nieuw en beter leven leide, en God zich gewaardige, mij van de rampen te verlossen, die mij om mijne zonden overkomen, en dat ik verhoord worde in de zaak, waarom ik nu door deze devotie tot God mijne toevlucht neem.

Hierna hult men de gebeden op hlz. 114 en 115.

VIERDE DINSDAG.

Bid hier eerst het gebed op blz. 113: O goedertieren, enz.

HET 4de MYSTERIE.

Jezus wordt door zyne Moeder in den tempel opgedragen, en als Opperpriester biedt H\j zich zei ven zynen Hemelschen Vader aan, tot verlossing van het menschelijk geslacht.

De H. Dominicus biedt zich zeiven dikwyls aan om voor slaaf verkocht te worden, tot verlossing van z\jne evennaasten.

Gebed.

O beminnelijke Zaligmaker, Uwe allerheiligste Moeder heeft U op den dag van hare zuivering in den Tempel aan Uwen hemelschen Vader op-

ocr page 143

123

geofferd, om te gelioorzamen aan de wet, waaraan zij nochtans niet onderworpen was, dewijl in haar, als het reinste der schepselen, niets te zuiveren was ; ik bid n, laat deze offerande, die zij toen van TJ, haar welbemind Kind, maakte, voor mij de zuivering mijner ziel verkrijgen, opdat zij van alle vlekken en onvolmaaktheden gereinigd worde.

Behalve dit offer Uwer allerzuiverste Moeder, hebt Gij, o goedertieren Jezns, op denzelfden dag als Opperpriester U aan Uwen hemelschen Vader aangeboden tot een zoenoffer voor geheel het menschdom; ik bid (J, draag heden nog eenmaal aan God dat reine offer van U zeiven op, dat Hem aangenamer is dan al de offers der oude Wet, opdat het mij eene verzoenende offerande zij voor al mijne zonden, en eene verkrijgende offerande om de genade te bekomen, welke ik door deze devotie U vraag.

O allerliefderijkste Vader Dominicus, voeg toch voor mij uwe offers en gebeden bij het alvermogend offer van mijnen Zaligmaker Jezus Christus; reeds hier op aarde droegt gij u zeiven dagelijks als eene levende, heilige, en Gode aangename offerande op ; maar thans, nu gij het eeuwig leven geniet, zal uw offer voor mij ongetwijfeld nog veel vermogender wezen.

O heilige Vader, gij hebt gedurende uw leven tot driemaal toe u zeiven opgeofferd, om als slaaf verkocht te worden, tot redding van uw evennaasten. O heilige Vader, bid voor mij om

ocr page 144

124

dezelfde liefde tot mijnen evenmensch, en dat mijne arme ziel geheel en al uit de slavernij der zonden verlost, en ik in de ware vrijheid der kinderen Gods hersteld moge worden.

Hierna bidt men de gebeden op blz. 114 en 115.

VIJFDE DINSDAG.

Bidt hier eerst het gebed op blz. 113 : O goedertieren, enz.

HET 5de MYSTERIE.

Maria, buiten hare schuld, haren Zoon Jezus verloren hebbende, vindt Hem met eene groote blijdschap, de leeraars in den Tempel onderwijzende.

De H. Dominicus onderwijst gedurig de dwalenden en helpt eene ontelbare menigte zondaars God wedervinden, Dien zij door hunne zonden verloren hadden.

Gebed.

O Jezus, waarachtig licht der wereld, ik dank U zonder ophouden, dat Gij U aan het gezelschap Uwer Moeder en vrienden onttrokken hebt, om te arbeiden aan de zaken, die Uwen hemelschen Vader aangaan, om den onwetenden den weg des Hemels te leeren, en de schriftgeleerden te onderwijzen ; ik verblijd mij ook met Uwe allerliefste Moeder, omdat Zij U buiten hare schuld verloren en met eene onuitsprekelijke droefheid gezocht hebbende, eindelijk in den Tempel te Jerusalem met groote blijdschap harer ziel gevonden heeft. Wee ! mij ongelukkige, ik heb zoo dikwijls Uwe genade veronachtzaamd, en door mijn eigen boosheid Uwe vriendschap verloren: ach, waarom heb ik nu geen droevige trauen om mijn ongeluk te beweenen ? Het verwondert mij niet, o algoede

ocr page 145

125

God, dat ik mij door zoo vele rampen overvallen zie, daar ik ü verloren had, U, die de Oorsprong en Gever van alle goed, ja het opperste Goed zelf zijt.

O glorievolle H. Vader Dominicus, het schijnt dat gij gedurende uw gansche leven geen ander doel beoogd hebt, dan te arbeiden in de zaken die God aangaan, gedurig de afgedwaalden onderwijzende om die tot den schoot der H. Kerk terug te brengen, en de onwetenden den weg ter zaligheid te leeren. O groote Heilige, door uw heilig leven en door uwe vurige predikatiën hebt gij eene groote menigte zondaars op den weg der zaligheid teruggebracht; gij hebt hen God doen wedervinden, Dien zij door hunne zouden verloren hadden ; help mij nu ook door uwe voorspraak, opdat ik, de zonden geheel verlatende, mijnen God met al Zijne gaven mogen wedervinden, als ook, dat ik verhooring moge verwerven in de zaak, waarom ik nu bid.

Hierna bidt men de gebeden op blz. 114 en 115.

ZESDE DINSDAG.

Bid hier eerst het gebed op blz. 113: O, goedertieren, enz.

DE VIJF DEOEVIGE MYSTERIEN.

HET lste MYSTERIE.

Jezus wordt in het gebed, dat Hy stort in den Hof van Oli-veten, bedroefd tot den dood toe; de af schrik van onze zonden perst Hem een bloedig zweet af, en in dezen doodstryd herhaalt Hy Zijn gebed tot driemalen toe.

De H. Dominicus, de hardnekkigheid ziende van zoo vele zondaren, gevoelt daarover eene droefheid, smartelijker dan de dood zelf, en om hunne bekeering van God te verkrygen, verdubbelt Hij zyne gebeden.

ocr page 146

126

Oebed.

O lijdende Zaligmaker, van waar toch die angst, die allerdiepste droefheid, welke U dringt om ü tot driemaal toe ter aarde te werpen, die U nu doet knielen, of in het stof nêergebogen doet liggen, dan wederom doet opstaan en handen en «ogen ten hemel heffen, die U doet zuchten en klagen tot Uwen hemelschen Vader, en die eindelijk een bloedig doodzweet van Uwe afgemartelde leden doet neêrstroomen.

Vergiffenis, o Jezus, vergiffenis, want het zijn onze zonden, die ü al dat lijden veroorzaakten; het was het aanschouwen der zonden van het geheele menschdoin en ook van de mijne, die ü zoo martelden in den hof van Gethsemané. Het ■was om vergiffenis van die zonden voor ons te verkrijgen, dat Gij dat bloedig zweet vergoot, dat Gij in uwen doodsangst tot driemaal toe Uw gebed herhaaldet, en ü aan den wil van Uwen hemelschen Vader onderwierpt, om dien allerbit-tersten lijdenskelk te drinken, welke de boosheid Uwer vijanden eu de zonde van geheel het men-schelijk geslacht U hadden toebereid.

O beminnelijke Verlosser, door dat bloedig zweet, in den hof van Oliveten voor mij vergoten, bid ik U, medelijden te hebben met mijne zondige ziel en niet op te staan van Uw gebed, voor dat Gij hare geheele bekeering bij Uwen hemelschen Vader verkregen hebt, en de zaak. waarom ik U door deze devotie, die ik nu houd, verzoek ; en zoo ik zelf te onwaardig ben om U dat ver-

ocr page 147

127

zoek te doen, dan iieem ik daartoe als mijn voorspraak bij ü, Uwen getrouwen dienaar Dominicus die, in navolging van ü, ook zijn geheele leven, de zonden, die tegen U begaan worden, beweend heeft.

Ja, groote Heilige, gij waart uw geheele leven in eenen zoo brandenden ijver voor de zaligheid der zielen ontstoken, dat gij, evenals uw goddelijk voorbeeld Jezus, u zeiven ter dood toe bedroefdet, de verhardheid ziende van zoo vele zondaren, die zich opnieuw voor eeuwig in de hel gaan werpen, nadat hunne verlossing aan hunnen Zaligmaker al Zijn Bloed gekost heeft. Voor de bekeering van die ongelakkigen badt gij, nu geknield, dan ter aarde neêrgebogen, dan wederom met kruiswijs uitgestrekte armen, somwijlen zelfs door de kracht uwer brandende liefde tot God van de aarde opgeheven wordende. Door die zoo vurige verzuchtingen verkreegt gij ook de bekeering van zoo vele zondaren. Heilige Vader Dominicus, verkrijg voor mij en voor degenen, die ik in mijn gebed besluit, dezelfde genade en de verhooring in die zaak, waarom ik God nu bid, indien zij mij zalig is.

Hierna hielt men de gebeden op hlz. 114 ew 115.

ZEVENDE DINSDAG.

Bid hier eerst het gebed op blz. 1113: O goedertieren, enz.

HET 2de MYSTERIE.

Jezus ontvangt in Zyne geeseling op Zijne onschuldige leden al de slagen, die wij om onze zonden verdiend hadden.

De H. Dominicus neemt alle nachten drie bloedige disciplinen met een ijzeren keten.

ocr page 148

128

Gebed.

O Jezus, overvloeiend van liefde, ik gevoel met U het diepste medelijden, U overgeleverd ziende in de handen van eene bende wreede krijgsknechten, die U zoo onmenschelijk geeselen, dat aan Uw onschuldig lichaam, van het hoofd tot de voeten toe, nauwelijks eene enkele plaats zonder wonde overblijft. Ik bid ü allerootmoedigst om vergiffenis, want het waren de zonden der geheele wereld en daaronder ook mijne zonden, welke ü die wreede slagen toebrachten.

O heilige Vader Dominicus, al is ook een enkele druppel van het overdierbaar bloed van mijnen Jezus meer dan genoegzaam tot afwassching van de zonden der geheele wereld, al is mijn Verlosser uit zich zeiven liefderijk genoeg om Zich voor mij aan Zijnen hemelschen Vader te willen opdragen, die gunst is nochtans zoo groot, dat het in 't besef mijner allerdiepste onwaardigheid redelijk is, dat ik Hem die vrage door de tusschenkomst uwer machtige voorspraak. Ik bid u, o heilige Vader Dominicus, wil mij hierin helpen bij den rechterstoel Gods. Gij kunt met des te meer betrouwen daartoe naderen, omdat gij in uw leven uwen Zaligmaker zoo getrouw hebt nagevolgd, naar Zijn voorbeeld ook uw bloed vergietende uit liefde tot de zielen uwer medemenschen; want uit dankbaarheid voor het overvloedig Bloed, dat Jezus in Zijne allersmartelijkste geeseling voor ons vergoot, naamt gij alle nachten drie bloedige disciplinen met een zware

ocr page 149

129

ijzeren keten, terwijl gij drie Eozenkransen van vijftien tientjes badt en u zeiven bij elk Wees gegroet eenen slag gaaft. De eerste discipline was voor uwe eigene zonden____ Ach,

heilige en onschuldige ziel! gij bedreeft geene of ten hoogste maar eenige lichte fouten, die niet door zoo veel bloed behoefden geboet te worden. De tweede discipline naamt gij voor de zondaars; ach, heilige Vader, ik ben een van deze en wel een der grootste. De derde discipline was voor de zielen in het vagevuur; ik benijd de liefde niet, die gij haar bewijst, neen, ik bid u integendeel, nu nog gedurig haar voorspreker bij God te blijven, opdat zij des te eerder tot Zijn aanbiddelijk aanschijn geraken mogen.

H. Vader dojiinicüs, vergader, bid ik u, al de bloeddruppelen, die gij door uwe disciplinen gedurende zoo vele jaren vergoten hebt, en vereenig die met de roode zee van het dierbaar Bloed, dat Jezus in Zijne geeseling vergoot, waaruit u en ons alle verdiensten toevloeien, en maak daarvan eene offerande aan de rechtvaardigheid Gods, opdat wij vergiffenis onzer zonden en de vervulling van dien wensch bekomen mogen, welken ons hart door deze devotie tot God opzendt.

Hierna bidt men de gebeden op blz, 114 en 115.

9

ocr page 150

130

ACHTSTE DINSDAG.

Bid hier eerst liet gebed op Ijlaz. 113: O goedertieren, enz.

HET 3de MYSTERIE.

Jezus wordt door goddelooze soldaten een doornenkroon in het hoofd gedrukt, tot bespotting van Zijn koningrijk.

De H. Dominieus, ten teeken zyner byzondere vriendschap met Jezus, ontvangt van Hem de smarten der doornen kroon, bemint de verachting en ontvlucht alle eer en glorie.

(Jebed.

O Koning der Glorie, Jezus Christus, ik word door de diepste droefheid ontroerd, als ik U, Wiens oneindige Majesteit de Engelen in den Hemel bevende van eerbied aanbidden, als ik U hier op aarde door eene bende van verachtelijk volk zie beschimpen en bespotten, uit verachting een stuk versleten purper zie omhangen, in plaats van eenen schepter eenen rietstok in de hand zie geven, en eene kroon van wreede doornen in het hoofd zie drukken. Vergeef mij, o Jezus, vergeef mij, dat ik oorzaak ben geweest, dat Uwe Koninklijke waardigheid aldus bespot werd door die onrechtvaardige vporkeur, die ik zoo dikwijls aan de schepselen boven U gegeven heb, het bezit van eene of andere vergankelijke zaak, het vermaak van een oogenblik, de voldoening van mijnen eigen zin hooger achtende, dan de onderhouding Uwer geboden. O Jezus, die alleen mijn Heer, mijn God en mijn Koning zijt, de belee-diging, die ik U daardoor heb aangedaan, is zoo groot, dat ik U niet om vergeving daarvan durf smeeken, tenzij ondersteund door de voorbede

ocr page 151

131

Uwer allerheiligste Moeder Maria en van Uwen welbeminden Dienaar Dorainicus.

O heilige Vader Dominicus, de groote overeenkomst, die er tusschen ons aller Zaligmaker, uit spot met doornen gekroond, en u, met den spot, den hoon en de beschimping uwer vijanden overladen, bestaat, doet mij hopen, dat uwe voorspraak Jezus ten mijnen voordeele stemmen zal. Even als Jezus, ter liefde van ons, er behagen in schiep om bespotting, verachting en allerlei smaad en vernedering geduldig te verdragen, ja, onder de voeten der mensclien, onder de voeten Zijner ondankbare schepselen, evenals een worm vertreden te worden, evenzoo aanvaarddet gij met blijdschap allen smaad en hooiien alle verachting, die men u aandeed om het Woord Gods, dat gij aan de afgedwaalden prediktet; ja, uwe liefde tot het lijden en de vernedering was zoo groot, dat gij altoos veel liever naar de stad Garcasonne gingt, waar men u smadelijk met slijk en allerlei onreinheid wierp, dan naar de stad Toulouse, waar men u alle eer en hoogachting bewees. Dit groot verlangen nu, om veracht te worden om Jezus, die versmading van alle ijdele eer en glorie, is uwen Goddelijken Meester Jezus ook zóó aangenaam geweest, dat Hij, om u meer en meer aan Zich gelijkvormig te maken, u de pijnen en smarten Zijner doornen kroon, waarmede Hij zoo zeer beschimpt en bespot was geworden, het overige uws levens heeft laten gevoelen.

Heilige Vader Dominicus, die met eene zoo

ocr page 152

132

groote genade door Jezus begunstigd zijt, bid Hem voor mij om dezelfde liefde tot het lijden, ten minste om lietzelde geduld bij den smaad en de vernedering, die anderen mij mochten aandoen. Bid uwen en mijnen Jezus, dat Hij dien koninklijken schepter, dien Hij, met doornen gekroond, in Zijne hand hield, van daag gunstig tot mij neêrbuige, en de vervulling van dat verzoek toesta, waarom ik deze devotie houd, en heden wederom tot de HH. Sacramenten genaderd ben.

Hierna hidt men de geleden op blz. 114 en 115.

ocr page 153

133

NEGENDE DINSDAG.

Bid hier eerst het Gebed op blz. 113: O goedertieren, enz.

HET 4de MYSTERIE.

Jezus draagt Zijn Kruis, gebukt gaande onder den zwaren last onzer zonden, om ons daarvan te ontlasten.

De H. Dorainicus draagt kloekmoedig zyn kruis naar liet voorbeeld van Christus en verlost van hunne kruisen allen, die door zijne voorspraak tot God om uitkomst bidden, als het hun zalig is.

Gebed.

O allerbeminnelijkste Zaligmaker, brandende van liefde voor de zaligheid der zielen, het gewicht onzer zonden, die allen op Uw Kruis drukken, is zoo zwaar, dat liet U dikwijls onderweg ter aarde doet nedervallen en onder den last doet bezwijken. Er is geene zonde ooit op de wereld bedreven, er is er geene, ook niet de allerminste, door mij bedreven, waarvan Gij toen niet onder-scheidelijk den last gevoeld hebt. O Jezus, ik zie U, met bloed en stof bedekt, met Uwe laatste bezwijkende krachten tegen dat onmetelijk gewicht, tegen dien ondragelijken last van zoo vele zonden worstelen, om dien opnieuw wêer op te beuren en ter liefde van ons op Uwe bebloede schouderen te nemen. O Jezus ! zal ik zoo wreed kunnen zijn van mijne zonden, ja, al was het ook maar dooide minste onvolmaaktheid in het vervolg, bij dien last, waaronder Gij zoo smartelijk gebukt gaat, nog iets te willen voegen?

Neen, allerliefste Jezus, wel verre van voortaan nog uwen last te willen vermeerderen, zal ik dien trachten te verminderen door mijne liefde, mijn

ocr page 154

134

medelijden met U en door liet geduld in den last en in de kruisen, die Gij mij in dit tranendal oplegt. O Jezus, Gij gaat mij als een ware Leermeester, als een goed Veldheer met Uw Kruis voor; help mij U met mijn kruis kloekmoedig navolgen. Gij hebt dat wreede Kruis, waarmede ik Uwe schouderen beladen heb, in het werktuig mijner zaligheid veranderd, mij door datzelfde Kruis, waarop mijne zonden U eenen zoo schandelijken dood bereidden, tot het eeuwig leven inleidende. O Jezus, help mij hiervoor mijn geheele leven, tot mijn laatsten adem toe, ü vurig dankbaar zijn.

O mijn getrouwe voorspraak bij God, heilige Vader Dominicus, welke vaste voornemens ik dikwijls ook maak om mijn kruis geduldig te dragen, maar al te dikwerf bezwijk ik weder in die goede besluiten; kom mij daarom te hulp door uwe voorspraak, opdat ik in het vervolg ter liefde Gods kloekmoediger lijde. O heilige Vader, gij zijt den weg der volmaaktheid iugetreden, door het aanvaarden van het kloosterleven, dat waarlijk een gekruist leven, eene gedurige kruisdraging, een leven met den gekruisten Christus is. Gij hebt door een algeheel prijsgeven aan alle goederen en bezittingen, aan alle vermaken en genoegens dezer aarde, en nog daarenboven door eene volmaakte versterving en overwinning van uwen eigen zin en wil mij een voorbeeld gegeven; gij hebt daardoor op het volmaakst de voetstappen gedrukt van den gekruisten Jezus. Groote Hei-

ocr page 155

135

lige, indien het mij zalig is, help mij dan de verlossing van het kruis bekomen, waaronder ik gebukt ga, doch zoo het mij niet zalig is, help mij dan zoo lang in gezelschap van Jezus en Maria en in het uwe mijn kruis dragen, tot ik eens tot de plaats geraken en de vergelding genieten moge, die God u voor uwe kruisen gegeven heeft en ook aan mij toezegt, indien ik ten einde toe volhard zal hebben.

Hierna hidt men de gebeden op blz. 114 en 115.

TIENDE DINSDAG.

Bid hier eerst het Gebed op Bldz. 113: O goedertieren, enz.

HET 5de MYSTERIE.

Jezus is lichamelijk gekruist.

De H. Dominicus kruist zich zeiven geestelijker wijze.

Gebed.

O groote God, het is maar al te waar, dat de zonden der wereld, en daaronder ook mijne zonden, de beulen geweest zijn, die U aan het Kruis vastgenageld hebben, doch aangezien Gij door eene ongekende liefde en eene onuitsprekelijke goedheid U zeiven opofferdet tot eene verzoenende offerande aan Uwen Hemelscheu Vader voor diegenen zelfs, die ü kruisigden, Hem biddende, dat Hij het hun wilde vergeven, omdat zij niet wisten wat zij deden, zoo vertrouw ik, dat ik, niettegenstaande al mijne schulden, ook deel heb aan de vergiffenis, die Gij door dat

ocr page 156

136

gebed, zoo vol liefde, van Uwen Hemelschen Vader voor ons verkregen hebt O Jezus, God van liefde, nu ik weet, dat het de zonden der menschen zijn, die U aan het Kruis vastnagelen, nu ik mij door geene onwetendheid meer kan verschoonen, en nu gij zoo onuitsprekelijk zachtmoedig, zelfs voor uwe moordenaren, en daaronder ook voor mij, gebeden hebt en biddende gestorven zijt, laat mij ten minste nu nooit meer tot de zonde wederkeeren.

O heilige Vader Dominions, vurige minnaar van het kruis uws Zaligmakers, van uwe teeder-ste jeugd af hebt gij u geestelijker wijze aan dat Kruis van Jezus gehecht, door, volgens den raad van den Apostel, als een getrouwe discipel van Jezus, uw lichaam te kruisigen met zijne begeerlijkheden en kwade lusten, door namelijk ter liefde Gods de vermaken der wereld te laten varen en alles, wat aan onze natuur pijnlijk is, te omhelzen. Gij hebt uw vleesch gekruisigd, hetzelve afmattende en verstervende in al zijne ledematen: want gij hadt uw geheele lichaam bedekt met een ruw haren kleed; gij hadt geen ander bed, dan den blooten grond of wel de trappen van het Altaar; gij hadt gedurig uwe leden omgord met een ijzeren keten, waarvan gij u alle nachten driemaal bediendet om uw lichaam door bloedige disciplinen te verscheuren; uw leven was anders niet dan een gedurig vasten; zelfs gevoeldet gij in uw hoofd gedurig het steken der doornen en de pijnen en smarten der doornen kroon van Jezus

ocr page 157

137

Christus. Hiermede was uwe liefde tot het Kruis uws Zaligmakers nog niet voldaan; gij waart ook martelaar van begeerte; gij wenschtet niets vuriger dan het Evangelie aan de heidenen te gaan verkondigen, en daar den wreedsten dood, ooit door tyrannen uitgedacht, te sterven, om uwe wederliefde aan Jezus te betoonen. Groote Heilige, verwerf mij door uwe voorspraak bij Jezus een vonk van datzelfde liefdevuur, waardoor gij tot het Kruis uws Verlossers ontstoken waart; verwerf mij, als het mij zalig is, de verliooring van mijn gebed in de zaak, waarvoor ik nu deze devotie houd, maar verwerf ze mij niet zóó dat ik daardoor afgescheiden zou worden van de liefde tot het Kruis van Jezus Christus; want mijn vurigst verlangen is, evenals gij, op dat Kruis te leven en te sterven, om eens in de schaduw van datzelfde Kruis bij God van mijn lijden uit te rusten in alle eeuwigheid.

Hierna bidt men de gebeden op h\z. 114 en 115.

ocr page 158

138

ELFDE DINSDAG.

Bid hier eerst het Geheel op hlz. 113: O goedertieren, enz.

DE VIJF GLOEIEUSE MYSTERIEN.

HET lste MYSTERIE.

Jezus heeft zich door Zijne Verrijzenis een onsterfelijke glorie verkregen en eene algemeene blijdschap veroorzaakt aan de geheele wereld.

De H. Dominicns deelt mede in de glorie derVerryzenis van Jezus, door de kracht Gods verscheidene dooden verwekkende, en blydschap en vertroosting brengende aan ontelbare bedrukten.

Gebed.

Ik wenseh ü geluk, o beminde Jezus, met de glorie Uwer zegepralende Verrijzenis; want door deze hebt Gij de opperste heerschappij over den dood verkregen, terwijl Gij van toen af eene menigte dooden met U uit liet graf deedt opstaan: en de dood, die nu meende, dat Gij voor eeuwig in Uw graf vergeten laagt, zag U vol glans en majesteit daaruit te voorschijn treden, om nooit meer te sterven, nooit meer in liet graf neêr te dalen.

Glorievolle H. Vader Dominicus, Gods Zoon heeft aan U zoo overvloedig van die opperste heerschappij medegedeeld, die Hij stervende over den dood behaald heeft, dat gij bij uw leven, in de stad Rome alleen, drie dooden tot het leven hebt verwekt, en nog meer anderen na uwen dood. Doch hoe weinig was dit bij al die duizende zondaars, die Gij met Gods bijstand door uwe vurige predikatiën, door uw heilig levensvoorbeeld uit het graf hunner zonden hebt helpen opstaan. Gij hebt uwe liefdadige hand gereikt aan zoo-

ocr page 159

139

velen, die machteloos op liet bed hunner zonden, hunner kwade gewoonten uitgestrekt lagen, om hunnen doodslaap te verlaten en met blijdschap op nieuw den weg van Gods geboden te bewandelen. Bewijs mij, o heilige Vader, bewijs mij dien zelfden bijstand, bewijs dien ook aan dien zondaar of die zondares onder mijne bekenden, vrienden, medechristenen of bloedverwanten, voor welke ik bij deze devotie mij voorgenomen heb te bidden, opdat de ziel de ketens harer zondige gewoonte verbreke en tot een deugdzaam leven wederkeere.

O allerliefste Zaligmaker, Gij hebt door Uwe Verrijzenis niet alleen U zeiven eene onsterfelijke glorie, maar ook de geheele wereld eene over-groote blijdschap gebracht. O alwetende Verlosser, Gij ziet in mijn hart de oorzaak mijner droefheid, Gij kent den nood, Gij weet de behoeften van die mij dierbaar zijn. Zondt Gij kunnen gedoogen, al Ier medelij denste Jezus, dat heden, nu ik het Mysterie Uwer zoo blijde, zoo glorieuse Verrijzenis overweeg, mijn hart nog bedroefd zou blijven, of ten minste niet eenigen troost van U ontvangen zou'? Neen allerliefste Jezus, ik gevoel, dat Gij mij door de voorspraak van Uwen getrouwen Dienaar, den H. Dominicus, van nu af aan de verzekering geeft, dat Gij mijn gebed verhooren zult, of zoo mij dat niet zalig is, dat Gij mij dan nog iets veel beters geven zult, dan waarom ik U gevraagd heb. Deze hoop is in mijnen boezem gegrift.

Hierna hidt men de gebeden op blz. 114 ew 115.

ocr page 160

140

TWAALFDE DINSDAG.

Bid hier eerst het Gebed op blz. 113: O goedertieren, enz.

HET 2(lc MYSTERIE.

Jezus klimt zegepralend op ten Hemel, om ons daar eeneplaats te bereiden en ons op het eeuwig bruiloftsfeest te verwachten.

Nadat de plaats in den Hemel bereid en het bruiloftsfeest aangericht is, wordt de H. Dominicus een van de boden door God uitgezonden, om ons tot dat groote feest te noodigen.

Gebed.

God zij lof, o zegepralende Jezus. Gij gaat dan eindelijk bezit nemen van de glorie, die Gij votfr U en Uwe vrienden verworven hebt door het vergieten van Uw dierbaar Bloed op den kruisboom. O mijn beminde Zaligmaker, terwijl Gij zoo zegepralend ten Hemel opklimt, vergezeld van de zielen der Oudvaders, die Gij aan het voorgeborgte dei-hel onttrokken hebt onder de toejuichingen van millioenen Engelen, vergeet mij niet bij die alge-meene blijdschap, vergeet mij niet in mijne droefheid hier op aarde. Gij hebt Uwe discipelen vertroost, die in het uur van Uw vertrek weenden, zeggende tot hen, dat het noodig was, dat Gij naar den Hemel gingt, om hun daar eene plaats te bereiden; toen nu die plaats bereid en het feestmaal aangericht was hebt Gij Uwe dienaren uitgezonden, om de genoodigden tot het hemelsch bruiloftsfeest te roepen.

Glorievolle H. Vader Dominicus, gij zijt ook een van diegenen geweest, die door God tot een zoo verheven ambt zijn verkozen geworden. Gij hebt

ocr page 161

141

bij uw leven niet opgehouden, de menscheu door uwe vurige predikatiën tot een deugdzaam leven en zoo tot den Hemel uit te noodigen: gij hebt duizenden en duizenden tot de blijde bruiloft van het Lam Gods helpen geraken; gij noodigt ook nu nog de nienschen daartoe uit, door uwe heilige levensvoorbeelden, die gij hier op aarde hebt nagelaten, en vooral door de devotie der Vijftien dinsdaagsche Communie, die onder uwe aanroeping gehouden wordt; want als men haar behoorlijk verricht, is zij een groot hulpmiddel ter zaligheid. Help mij nu, o H. Vader Dominions, gedurende deze Vijftien weken van een zoo groot geluk 's wekelijks mijnen God in mij te ontvangen, een goed gebruik te maken, en daardoor ook, als het mij zalig is, de verhooring van mijn gebed verkrijgen.

O Jezus, al zijt Gij ten Hemel opgeklommen. Uwe overgroote liefde tot ons heeft U echter bewogen, in het H. Sacrament des Altaars nog bij Uwe kinderen te blijven en hen door het voedsel van Uw aanbiddelijk Vleesch en Bloed, door U zeiven te versterken op hunne pelgrims-reize naar liet hemelsch Vaderland. O Jezus, bewaar ons toch van eene zoo groote ondankbaarheid, dat wij aan Uwe uitnoodiging geen gehoor zouden geven en maar zeldzaam tot Uwe HH. Sacramenten zouden naderen. Stort ons integendeel eene vurige begeerte in, om dikwijls tot Uwe H. Tafel te komen, maar stort ons tevens, op de voorspraak van Uwen Dienaar den H.

ocr page 162

142

Dominicus, die deugden in, welke een Christen versieren moeten, die met zijnen God zelf gespijsd en gevoed wordt.

Hierna bidt men de gebeden op hlz. 114 en 115.

DERTIENDE DINSDAG.

Bid bier eerst het Gebed op bladz. 113: O goedertieren, enz.

HET ad0 MYSTERIE.

Jezus zendt den H. Geest over zijne Apostelen en Discipelen, opdat zij dat Goddelijk liefdevuur over de geheele wereld zouden gaan verspreiden.

De H. Dominicus is als een Apostel door God uitgezonden om de barten der ongevoeligste zondaars met bet vuur van den H. Geest te ontsteken.

Grcbcd.

O Jezus, Koning der glorie, Uw Apostel leert ons, dat Gij opgeklommen zijt ten Hemel, om Uwe gunsten en gaven van daar op de aarde te doen nederdalen. Inderdaad tien dagen na Uwe zegepralende intrede in den Hemel hebt Gij aau Uwe Apostelen en Discipelen de kostelijkste van al Uwe gaven afgezonden, namelijk den H. Geest.

Gij hebt Dien over hen afgezonden in de gedaante van vurige tongen, omdat Gij door hunne predikatiën de geheele wereld ontsteken wildet met het heilig vuur Uwer liefde; doch om deze zoo kostbare gaven te ontvangen, hadden Uwe Apostelen zich voorbereid door eene groote zuiverheid van harte eu een volhardend gebed.

Gelukzalige Vader, H. Dominicus, Gij hebt altoos de heilige deugd der zuiverheid zoo hoog geacht, dat gij tot op nw sterfbed toe ongeschonden de

ocr page 163

143

schoone lelie der maagdelijke reinheid in u bewaard hebt: ook is uw geheele leven niets anders geweest dan een leven van gedurig gebed. Daarom heeft de H. Geest, in uwe ziel eene zuivere rustplaats vindende, daarin met vermaak Zijne woning genomen en u met Zijne gaven en gratiën vervullende, heeft Hij in uw hart een zoo grooten ijver tot de zaligheid der zielen ontstoken, dat gij in geheele landen en koningrijken overal de versteendste zondaars tot inkeer hebt helpen komen, en in de koudste harten, met den godde-lijken bijstand, het vuur der goddelijke liefde ontstoken hebt. Dat vuur was zoo sterk in uwe ziel, dat het u aanzette om het geloof zelfs bij de verstverwijderde volkeren te gaan verkondigen, doch daartoe niet kunnende geraken, hebt gij eene orde van Apostolische mannen in de Kerk ingesteld, om door dezen tot het einde der wereld, datzelfde vuur, waardoor uw hart ontgloeide, aan de geheele aarde te gaan mededeelen.

H. Dominicus maak mij door uwe voorspraak deelachtig aan die hemelsche vlammen, want ik gevoel zoo menigmaal mijne godsvrucht verkoelen. Help mij ten minste door uwe voorbede; zoo ik altoos al niet even vurig in de goddelijke liefde ben, dat ik dan ten minste nooit in die verkoeling toestemme, nooit door mijne schuld aanleiding daartoe geve. Help mij om nooit meer den H. Geest door mijne zonden te bedroeven. Verwerf mij daarbij Zijne inwendige vertroostingen in oogenblikken van verflauwing en moedeloos-

ocr page 164

144

heid en eindelijk ook de verhooring in die zaak, waarom ik God door deze devotie bid, indien het mij zalig is.

Hierna bidt men de gebeden op hlz. 114 en 115.

VEERTIENDE DINSDAG.

Bid hier eerst het Gebed op blz. 113: O goedertieren, enz.

HET 4(le MYSTERIE.

Jezus verheft Zyne allerheiligste Moeder, op den dag van hare glorieuse Hemelvaart, met ziel en lichaam tot het hoogste der Hemelen.

Jezus en Maria ontvangen den H. Dominions in den Hemel op zijnen gelukkigen sterfdag.

(iebcd.

Ik bedank U onuitsprekelijk, o allerbeminnelijkste Jezus, dat, toen de dag gekomen was, waarop Gij Uwe allerheiligste Moeder wildet deelachtig maken aan Uwe glorie, tot eene volle vergelding van al hetgeen zij ter Uwer liefde gedaan had, Gij zelf haar door liefderijke woorden hebt willen noodeu om dit dal van tranen en ellenden te verlaten en de hemelsche glorie te gaan genieten. Zij vertoefde niet lang, want door een zoeten slaap van liefde gaf zij hare gezegende ziel in Uwe handen over, en liet haar gszegeud lichaam hier op aarde achter; maar Gij, die haar, zoowel naar het lichaam als naar de ziel, met glorie hebt willen vervullen, nadat Gij haar graf verheerlijkt hadt door eenen hemelschen geur en een liefelijk gezang van Engelen, dat men daar drie dagen hoorde, hebt ten laatste

ocr page 165

145

hare glorieuse ziel met haar zuiver maagdelijk lichaam opgeuomen en Gij zelf hebt haar naar ziel en lichaam verheven, te midden der toejuichingen van de negen koren der Engelen en van alle Heiligen, en Gij hebt haar op de verhe-venste plaats des hemels gesteld op eenen troon aan de rechterzijde van Uwe heilige Menschheid.

O roemrijke H. Vader Dominicus, uw goede Meester Jezus, u den getrouwen arbeid willende vergelden, dien gij uw geheel leven door voor Hem verricht hadt, zondt u een jaar vóór uwen dood eenen Engel, die u, uwe aanstaande zaligheid voorzeggende, den palmtak en de kroon toonde, die u wachten in den Hemel, en de ure nu gekomen zijnde van uw gelukkig scheiden van deze wereld, nam uwe heilige ziel den weg naar den Hemel, en Jezus en Maria deden u de eer aan van u te gemoet te komen en de eeuwige glorie binnen te leiden. Nadat uw gezegend lichaam in het graf gelegd was, verspreidde zich rondom hetzelve een hemelsche geur en door ontelbare mirakelen, die bij uw graf plaats hadden, hoorde men vele dagen in de Kerk onophoudelijk gezangen van vreugde, blijdschap en dankzegging voor de ontvangene weldaden.

Groote Heilige, vergeet toch op den dag uws zegepraals, mijne behoeften, mijne noodwendigheden naar ziel en lichaam niet. Sla een oog van medelijden op ons, die nog verlangen en zuchten naar het gelukkig Vaderland, en help ons verhooring verkrijgen in de zaak, waarom

10

ocr page 166

146

wij God mi bidden of anders de geuade, om door ons geduld in het lijden dezer wereld den Hemel te verdienen.

Hierna bidt men de gebeden op blz. 114 en 115.

VIJFTIENDE DINSDAG.

Bid hier eerst het Gebed op blz. 113; O goedertieren, enz.

HET 5de MYSTERIE.

Jezus kroont Zyne allerheiligste Moeder als Koningin van Hemel en aarde.

Jezus geeft in den Hemel aan Zijnen getrouwen Dienaar, den H. Dominieus, de macht, om door zyne voorspraak op aarde alle ongelukkigen en bedroefden te hulp te kunnen komen, alle rampen, alle onheilen te kunnen afweren, ja aan de duivels te kunnen gebieden.

Gebed.

Ik bedank U, allerbeminnelijkste Jezus, dat Gij, niet tevreden zijnde van Uwe allerheiligste Moeder verheven te hebben tot het hoogste der Hemelen en op den schitterendsten troon naast die Uwer allerheiligste Godheid en menschheid geplaatst te hebben, Gij haar daarenboven ook nog hebt willen kronen tot Koningin van Hemel en van aarde.

O triomfeerende Maagd Maria, ik wensch n veel geluk met de glorie, waartoe gij verheven zijt; gedenk toch ons uwe kinderen, die gij hier op aarde hebt nagelaten, over welke gij door uwen stervenden Zoon tot Moeder zijt aangesteld en blijf ons toch te midden uwer zegepralen gedachtig, vooral mij, die de minste van uwe dienaren ben.

ocr page 167

147

O glorievolle H. Vader Dominicus, die zoo zeer de eer van deze Kouingiu des Hemels op de aarde gezocht hebt, verzoekende alle menschen om haar met rozen te kroonen door de devotie van haren H. Kozenkrans; haar beminde Zoon Jezus en zij, niet tevreden zijnde van u reeds naast hen in de eeuwige vreugde te zien. hebben daarenboven eene kroon van glorie en onsterfelijkheid ü op het hoofd geplaatst welke een Engel een jaar voor uwen dood u getoond had, en gij hebt van uwen Goddelijken Meester de macht ontvangen, om het menschdom door uwe voorspraak in alle rampen, behoeften en noodwendigheden te hulp te komen.

O heilige Vader Dominicus, aangezien gij u nu op het toppunt uwer macht en glorie bevindt, en Jezus ons niets weigert hetgeen wij Hem dooide voorspraak Zijner allerliefste Moeder en de uwe verzoeken: neem ik op dezen laatsten Dinsdag, waarmede ik nu deze devotie ga besluiten, nogmaals mijne toevlucht tot uwe voorbede en tot de voorspraak mijner allerliefste Moeder Maria. O Maria, vertoon aan uwen welbeminden Jezus, al het aandeel, dat gij hier op aarde in in zijn lijden gehad, al d'e tranen, die gij met Hem voor de bekeering der wereld vergoten hebt en vooral dat zwaard van droefheid, hetwelk onder het Kruis uw moederlijk hart doorboord heeft. O, heilige Dominicus, vertoon aan Jezus al den arbeid, al het Jijden, al de uitputting uwer krachten, die gij hier op aarde, voor de

ocr page 168

148

glorie van God eii het heil der zielen onderstaan hebt. H. Maria! H. Dominicus! bidt dat dit alles vruchtbaar en verdienstelijk gemaakt zijnde door het overdierbaar Bloed onzes Verlossers, mij de verhooring verwerve van hetgene, waartoe ik deze devotie gehouden heb, of zoo het mij niet zalig is, dan eene volmaakte overgeving aan den allerlieiligsten wil mijns Verlossers, die geloofd en verheerlijkt moet zijn in alle eenwen der eenwen. Amen.

Hierna bidt men de geheden op blz. 11 4 en 115.

ocr page 169

149

LITANIE

TER EERE

van den H. DOMINICUS.

(Ontleend aan de kerkelijke getyden.)

Heer, ontferm U onzer.

Christus, ontferm U ouzer.

Heer, ontferm ü onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, Hemelsclie Vader, ontferm U ouzer. God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm ü onzer. God, Heilige Geest, ontferm U onzer. H. Drievuldigheid, één God, ontferm U onzer. H. Maria, bid voor ons.

H. Moeder Gods,

H. Maagd der Maagden,

Groote H. Vader Dominicus,

licht der Kerk,

glans der aarde,

_ fakkel der wereld,

g prediker der genade, S

'3 roos van geduld,

S dorstend naar het zielenheil, g

o 7 2

P vurig verlangend naar den marteldood, j-j wijze zielbestierder, c

man naar Gods hart,

leeraar der waarheid,

ivoor van zuiverheid,

ocr page 170

150

apostel bij uitnemendheid,

arm in tiidelijke goederen,

rijk door de zuiverheid des levens,

brandend als een fakkel voor de bekee-

ring der zondaars,

bazuin des Evangelies,

heraut des hemels,

toonbeeld van versterving,

zout der aarde,

glanzend als een zon in den tempel Gods, r~ gesterkt door de genade van Christus, § omkleed met den koninglijken mantel, S .2 bloem heerlijk bloeiend in den hof dér Kerk, ■lt; § de aarde heiligend door uw kostbaar bloed, 2, ^ opgenomen in de vergadering der Heiligen, o M schitterend in het koor der Maagden,

Hoofd en Vader der Predikheeren,

opdat wij in dit leven van alle gevaren naar ziel enlichaammogenbewaardblijveu, opdat wij in het uur van onzen dood in den bangen strijd door Gods genade mogen geholpen worden,

opdat wij met u en met uwe kinderen onder het getal der Heiligen eenmaal mogen worden opgenomen,

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

spaar ons, Jezus.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

verhoor ons, Jezus.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U onzer.

ocr page 171

151

Christus, lioor ons.

Christus, verhoor ons.

Laten wij bidden.

Geef ons, smeeken wij U, o almachtige God, dat wij, die onder den last ouzer zonden gebukt gaan, door de voorspraak van den H. Dominions daarvan mogen ontheven worden. Door Christus onzen Heer. Amen.

ocr page 172

152

LITANIE

TER EBHE ])En

Heilige Maagd en Martelares Barbara,

Byzondere Patrones tegen een ouvoorzienen dood.

Heer, ontferm ü onzer.

Christus, ontferm U onzer.

Heer, ontferm ü onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, hemelsche Vader, ontferm ü onzer. God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm ü onzer. God, H. Geest, ontferm U onzer. H. Drievuldigheid, één God, ontferm U onzer. H. Maria, bid voor ons.

H. Moeder Gods,

H. Maagd der Maagden,

H. Barbara,

Welbehagelijk aan God den Vader,

Bemind door God den Zoon,

Vol liefde tot God den H. Geest,

Vurige vereerster van de H. Drievuldig- W cf heid, ^

g Maagd en Martelares. o

rO 0 ' O

g Minnares der zuiverheid, ~

^ Minnares der eenzaamheid, g

K Heldin des geloofs,

Minnares van alle deugden,

Trouwe leerlinge van Jezus den Gekruiste, Verwinnares des vleesches,

Verwinnares der helscbe bekoringen.

ocr page 173

153

Uitgelezen voorbeeld der jeugd,

Troosteres der Christenen,

Hulp op het eiud van ons leven,

Bijstand iu den doodstrijd van uwe dienaars

en dienaressen,

Teeder bezorgde beschermster van den

zieltogenden en stervenden mensch. Voorspraak der afgedwaalden om niet tot

het laatst in de zonde te volharden, Geruststelling van den christen, die iu zijn laatste oogenblikken te zeer Gods oor-deelen vreest,

die op een geheel bijzondere wijze door of God zelf verlicht eu in het geloof onder- S J wezen zijt, ^

^ die de éénheid van God in wezen, eu Zijne § ^ drievuldigheid in persouen zoo standvastig quot; K beleden hebt, g

die uwe maagdelijkheid boven alle schatten

der wereld gesteld hebt,

die alle wereldsche genoegens, bezittingen en grootheid uit liefde tot Jezus met voeten getreden hebt,

vol vertrouwen op uw loon in den hemel, die in uw stervensuur, voor ons, die uw dood vereeren, een zaligen dood verkregen hebt,

die den pijnlijksten dood voor ons H. Geloof

gestorven zijt,

Martelares, in wier doorwond lichaam brandende fakkels zijn gestoken, wier borst

ocr page 174

154

verminkt en wier hoofd met hamers is geslagen, bid voor ons.

H. Barbara, wier vleesch door de beulen met scherpe haken is verscheurd geworden, bid voor ons.

H. Barbara, die door uw eigen vader zijt onthoofd, bid voor ons.

O Jezus! Bruidegom van onze Patrones Barbara, wij bidden ü, door hare voorspraak, laat ons toch niet sterven zonder te biechten.

O Jezus ! Bruidegom van onze Patrones Barbara, wij bidden ü, door hare voorspraak, laat ons niet sterven zonder het H. Sacrament des Altaars.

O Jezus! Bruidegom van onze Patrones Barbara, wij bidden IJ, door den bitteren dood, dien zij voor Uwen H. Naam is gestorven, laat ons niet sterven zonder het H. Oliesel.

O Jezus! Minnaar der zielen, die niet den dood van den zondaar begeert, maar zijne bekeering en zaligheid; wij bidden U, door al het lijden van onze Patrones Barbara, laat ons niet van deze wereld scheiden, zonder alle genademiddelen onzer Moeder de H. Kerk te hebben ontvangen.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, spaar ons, Jezus!

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, verhoor ons, Jezus!

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U onzer!

ocr page 175

155

v. H. Barbara, hoogvereerde Patrones, A. Behoed ons dag en nacht tegen een haastigen dood.

Laat ons bidden.

O Maagd en Martelares Barbara! verlaat mij toch niet in mijn uiterste, maar verwerf voor mij, door uwe voorspraak bij den almachtigen God, dat mijne ziel, eer zij van deze wereld scheidt, eerst door de Biecht gezuiverd, met het Allerheiligste Lichaam van mijn Grod gevoed en met het H. Oliesel versterkt worde, opdat alzoo de eeuwige zaligheid mijn deel moge zijn, en ik, met U, die ik hier als mijne Beschermster heb geeërd en aangeroepen, altoos den hemel bezitte. Amen.

O God! die de H. Barbara, tot troost der levenden en stervenden hebt verkozen, verleen ons, door hare voorspraak, dat wij altijd in uwe Goddelijke liefde mogen leven, en al onze hoop in de verdiensten van het bitter lijden van Jezus Christus stellen, opdat wij nooit door de zonde beheerscht, en na van de laatste H. Sacramenten te zijn voorzien, in uwe vriendschap en liefde tot de eeuwigheid mogen overgaan. Dit bidden wij door onzen Heer Jezus Christus. Amen.

Heer Jezus, in Wiens handen mijn leven is eu mijn dood, ik bid ü door de bittere pijnen die Gij voor mij, zondaar, aan het Kruis hebt geleden, en wel bijzonder in dat uur, waarop Gij stervende tot Uw Vader riept, „Het is volbracht!quot; ontferm U toch over mijne ziel, als ik zieltogende op mijn sterfbed zal liggen. Gedoog niet.

ocr page 176

156

dat een onvoorziene dood over mijn eeuwig lot be-slisse, maar verleen mij op liet einde van mijn leven nog genoegzaam tijd, om met rijpheid het duistere boek van mijn geweten te doorbladeren; om nog eens, en dat voor het laatst, geheel mijn levensloop in het diepste van mijn hart te overdenken. Aldus zal ik, met een oprecht berouw, eene rechtzinnige belijdenis van alle mijne zonden kunnen doen. Eu dan, verzoend met U, mijn Zaligmaker, zal ik uw H. Vleesch en Bloed als mijne laatste teerspijs nuttigen en blijmoedig mijne vijf zintuigen aanbieden, om daarop liet H. Oliesel te ontvangen. Dat dan ook, o Jezus, Uwe lieve Moeder en de H. Barbara, mijne bijzondere Patrones, mij te hulpe komen, opdat ik, door hare voorspraak, ook U in mijnen doodstrijd, wanneer vrienden en naastbestaauden mij zullen verlaten, voor mijnen Beschermer moge hebben, en alzoo den dood der rechtvaardigen sterve. Amen.

Almachtige God! Heer van mijn leven en dood, vol angst bedenk ik, dat mijn aardsch bestaan voortdurend naar het einde spoedt, en dat ook voor mij vroeg of laat het laatste uur zal slaan. Zal ik volharden tot het einde toe, of zal mijn uiteinde het uiteinde der zondaren wezen ? Zal ik bij Uw oordeel liefde waardig zijn of haat? Zal ik eenmaal Christus' belofteu waardig worden, of zal mijn deel zijn met de rampzaligen, die voor eeuwig van üw aanschijn zullen gebannen worden? Zal mijn eeuwigheid gelukkig

ocr page 177

157

of ongelukkig zijn? Ik weet het niet. mijn God! maar dit weet ik, dat Gij mij iu Uw oneindige barmhartigheid een Uwer heiligste Bruiden tot Patrones en Beschermster hebt gegeven in mijn stervensuur. Ik stel mij dan van heden af onder haar hoede en voorspraak. Bescherm mij, H. Barbara, in het uur der bekoring, opdat ik niet in zonde valle en mijner ziele zaligheid voor een luttele voldoening prijs geve. Bid voor mij, zoo ik ooit in staat van doodzonde leef, dat God zich wederom mijner ontferme en mij zijn heilige vriendschap terugschenke. Waak over mij, dat ik steeds zoo leve, dat ik ieder oogenblik voor mijn Eechter kan verschijnen. Wees steeds zoo mijn voorspraak bij deu Algoede, dat ik immer in mij de heiligmakende genade vermeerdere, en steeds meer en meer in Gods liefde moge aangroeien. Dan, heilige Patrones, behoef ik niet meer te vreezen voor den dood, maar kan ik met den Apostel verlangen, ontbonden te worden en met Christus te zijn. Dan zal ik moed hebben om het offer van mijn leven te brengen, wanneer God het mij vraagt. Dan ben ik overtuigd dat mijn dood niet anders zal zijn dan de overgang tot een beter leven. Dan zult gij in vereeniging met Jezus, Maria en Jozef mijn ziel ontvangen in mijn laatsten snik, en met u zal ik opgaan tot God, die door uw gebed voor mij geen strenge Eechter, maar een liefdevolle Vader wezen zal. Heilige Barbara! bid voor ons en voor allen, die ons dierbaar zijn, opdat wij nimmer getroffen

ocr page 178

158

worden door een haastigen en onvoorziene;! dood. Amen.

Gebed om een zalig' afsterven van een algertw aaide.

O groote heilige Patrones, met weemoed is mijn hart vervuld, wanneer ik aan de toekomst deuk, welke de ziel van N., met mij door de banden van vriendschap en bloed zoo nauw verbonden, wellicht wacht, (jaarna aanbid ik in zijn bekla-genswaardigen toestand de heilige inzichten Gods, die deu onwaardige Zijn genade onthoudt; maar tevens weet ik, dat ik voor hem kan en moet bidden. Ik smeek u dan, zalige Maagd en Mar-telaresse Barbara, bij al het lijden dat gij voor Jezus ondergaan hebt, dat gij deze arme ziel onder uwe hoede wilt nemen. Verwijder toch van haar alle gevaren, welke haar een haastigen en onvoorzienen dood kunnen berokkenen. Weerhoud de straffende hand van den Allerhoogste, wanneer Hij, na lang genoeg getergd te zijn, eensklaps den roekelooze zou willen treffen, en hem, mogelijk midden in de zonde, voor Zijn rechterstoel zou dagen. Verwerf gij, die zooveel vermoogt bij uw Jezus, voor deze ziel de genade der bekeeriug. en mocht zij zulks niet meer waardig zijn op dit oogenblik, verkrijg dan voor het minst die gunst in haar laatste ziekte. Vraag voor haar in de laatste dagen des levens een helderen blik in haar deerniswaardig lot, een groote vrees voor de aanstaande eeuwigheid, een vurig verlangen naar den hemel, een groot ver-

ocr page 179

159

trouwen op de verdiensten van Christus' Zoenbloed, en een innig berouw over al haar ongerechtigheden. Leid nog tijdig tot haar sterfbed den priester, die haar met den hemel verzoent, haar sterkt met het Sacrament der liefde, hare schulden verlicht door het Sacrament der stervenden, opdat er weder een zondaar te meer uwe ein-delooze barmhartigheid lofzinge in alle eeuwigheid. Heilige Barbara, Patrones der stervenden, bid voor ons en allen die ons dierbaar zijn, opdat niemand in staat van doodzonde sterve. Amen.

AFLATEN.

De aflaten door Z. H. Paus Pius IX, den 9den November 1848 verleend aan het Broederschap ter eere van do heilige maagd en martelares Barbara, Patrones tegen een haastigen dood, opgericht in de kerken der E.E. P.P. Predikheeren, zijn de volgende:

Volle Aflaat.

lo Den dag, waarop men zich in dit Broederschap zal laten inschrüveu.

2o Den 4den December, feestdag van de heilige maagd en martelares Barbara, en op eiken dag van het octaaf.

3o Op eiken laatsten Zondag der maand, en op alle quot;Woensdagen des jaars, mits men na gebiecht en gecommuniceerd te hebben, voor de voortplanting van onzen H. Godsdienst in voornoemde kerk, zal bidden.

4o Z\jne Heiligheid verleent aan de leden van dit Boederschap een vollen aflaat in het uur des doods; indien zij met de laatste H. Sacramenten zyn voorzien, of bij onmogel^kheid hiervan, ten minste met een oprecht berouw der Allerheiligsten Naam Jezus zullen hebben aangeroepen.

Eindelyk vergunt Z. H. zeven jaren aflaat aan al de leden van dit Broederschap op de vier volgende Onze-lieve-Vrouwe-dagen: den 2den Februari, den 25sten Maart, den 15den Augustus en den 8sten September, mits z\j op die dagen voornoemde kerken bezoeken en daar voor de uitbreiding van onzen H. Godsdienst zullen hebben gebeden.

ocr page 180

160

LITANIE

OM EENEN ZALIGEN DOOD.

(Opgesteld door eene bekeerde, vijftienjarige Protestante, welke in den ouderdom van achttien jaren in geur van heiligheid overleed.)

Heer Jezus! goedertieren God, barmliartge Vader! ik verschijn voor U met een verootmoedigd, verslagen en vermorzeld hart; ik beveel ü mijn laatste uur aan, en al hetgeen daarop zal volgen. ^

Wanneer mijne verstijfde voeten mij zullen S te kennen geven, dat mijn loopbaan op aarde jrf ten einde spoedt; 5.

Wanneer mijne, door den naderenden dood ® verduisterde en gebrokene oogen hunne treu-rige en stervende blikken op U znllen vestigen; g

Wanneer (Jvv aanbiddelijke Naam voor de laatste maal van mijne koude en bevende g lippen zal vloeien ; §

Wanneer mijn verbleekt en loodkleurig gelaat = de aanwezigen met afschrik en medelijden ^ zal vervullen en mijn met doodzweet bedekt ^ voorhoofd mijn naderend einde zal aankon- S digen; g

Wanneer mijne ooren, reeds gesloten voor de taal der wereld, nauwelijks de korte ver- £? zuchtingen zullen vernemen, welke men mij zal ingeven, ten einde mij met U te vereenigen ;

Wanneer mijn geest, verontrust door den

ocr page 181

161

aanblik mijner ongerechtigheden en door de vrees voor Uwe rechtvaardigheid, zal strijden tegen den engel der duisternis, die zal trachten, mij het vertrouwen op Uwe oneindige barmhartigheid te benemen en mij tot wanhoop te brengen,

Wanneer mijn hart, door de smarten der ziekte afgemat, bevangen door den schrik des jj? doods, uitgeput zal worden door den laatsten 3 strijd tegen de vijanden mijner zaligheid.

Wanneer ik de laatste tranen zal storten d.

CfO

tot teeken mijner ontbinding, neem die dan ^ aan ter uitwissching mijner zonden, opdat ik als een waar boetvaardige sterve, ja, in dat S verschrikkelijk oogenblik,

Wanneer mijne, rondom mijn sterfbed ver- ê gaderde bloedverwanten en vrienden, door mijn j? toestand getroffen, U voor mij zullen aanroepen, B Wanneer ik het, gebruik mijner zintuigen ei zal verloren hebben, de gansche wereld voor amp; mij zal verdwenen zijn, en ik den strijd en S de angsten des doods zal gevoelen, B

Wanneer de laatste zuchten van mijn 'c' hart mijne ziel zullen doen scheiden van mijn ^ lichaam, beschouw ze dan als verzuchtingen van een heilig verlangen om met ü vereenigd te worden,

Wanneer mijne ziel, reeds op mijne lippen zwevende, voor altijd zal scheiden uit deze wereld, en mijn lichaam koud, verstijfd en levenloos zal achterlaten, neem dan de ver-

11

ocr page 182

162

nietiging' van mijn aardsclie leven aan als een hulde, welke ik wil brengen aan Uwe opperheerschappij en aan Uwe onsterfelijkheid, ja, barmhartige Jezus, ontferm U dan mijner !

Ten laatste, wanneer mijne ziel door U zal geoordeeld worden, verstoot haar dan niet van Uw aanschijn, maar barmhartige Jezus, ontferm U dan mijner!

Gebed.

O God! die ons tot den dood veroordeeld hebt, maar het uur en het oogenblik voor ons hebt verborgen gehouden, verleen mij de genade, al de dagen mijns levens iu gerechtigheid en heiligheid door te brengen, ten einde door uwe genade in vrede en in liefde met U deze wereld te verlaten. Dit bid ik U door onzen Heer, Jezus Christus, die met U leeft en regeert in de eenheid des heiligen Geestes. Amen.

ocr page 183

163

LITANIE

TER EERE VAN DEN H. THOMAS VAN AQUINEN.

Patro(jx der Zuiverheid.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, ontferm ü onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, Hemelsche Vader, ontferm TJ onzer. God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer. God, H. Geest, ontferm U onzer. H. Drievuldigheid, één God, ontferm U onzer. H. Maria, bid voor ons.

H. Thomas, bid voor ons.

Engel van Zuiverheid,

Cherubijn van Wijsheid,

Serafijn van Liefde,

Leeraar der Kerk, ^

« Uitlegger der goddelijke geheimen, £

S Zanger van het H. Sacrament, ^

g Verkondiger der waarheid, §

Verdediger des geloofs, 0

Geesel der ketterijen, S

Man van gebed.

Minnaar der armoede,

Spiegel van ootmoed,

Toonbeeld van gehoorzaamheid.

Gids der volmaaktheid.

ocr page 184

164

H. Thomas, glorie der Predikheerenorde, H. Thomas, Patroon der heilige Deugd, i-, Opdat wij de reinheid naar ziel en lichaam El mogenb evvaren, lt;;

Opdat wij met hemelsche wijsheid mogen ^ worden, o

Opdat wij in liefde tot God en het H. Altaar-

geheim mogen toenemen.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

spaar ons. Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

verhoor ons, Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

ontferm U onzer.

v. Bid voor ons H. Thomas,

b. Opdat wij waardig worden de beloften vau Christus.

LATEX WIJ RIDDEN.

O God, die door de wondervolle leer van den H. Thomas, Uwen Belijder en Leeraar, Uwe Kerk verlicht en door zijne heilige werken vruchtbaar maakt, geef ons, bidden wij U, te mogen begrijpen, wat hij geleerd en te mogen navolgen, wat hij gedaan heeft. Door Christus onzen Heer. Amen.

(Jebed tot Gort, om de g:ave Tan Zuiverheid.

Almachtige God, die, door de bediening der Engelen, de lendenen van den H. Thomas, onder de bescherming der allerzuiverste Moedermaagd,

ocr page 185

165

zoo krachtdadig met de koord der zuiverheid hebt omgord, dat hij vau dat oogenhlik af niet de minste onreine beweging meer ontwaarde, wij bidden U, geef ons door de tusschenkomst van dien Engelachtigen Leeraar, dat wij verdienen van alle onzuiverheid naar ziel en lichaam bevrijd te worden, opdat nooit onze oogen iets zien, onze ooren iets hooren, of onze tong iets spreke, dat onkuisch of onzedig is.

Bewaar ous, opdat wij nimmer toegeven aan het vleesch, dat tegen den geest opstaat, hecht ons met geheel het verstand eu geheugen zoozeer aan U dat wij niets verlangen dan U, niets beminnen dan ü, in niets behagen vinden dan in U. Ontvlam ons hart door zulk een liefde en ijver, dat wij nimmer in onze tegenwoordigheid iets gedoogen wat aan de oogen Uwer onbevlekte Majesteit kan mishagen, opdat wij, na dit gevaarvol en vergankelijk leven, waardig zijn om TJ in den Hemel met zuivere oogen te aanschouwen Amen.

Gebed tot don H. Thomas. Besclieriner d. Zuiverheid.

Uitverkoren lelie van onschuld, allerzuiverste H. Thomas, die het kleed der onschuld altijd onbevlekt bewaard hebt, en omgord door twee Engelen, een ware engel in het vleesch zijt geworden, wij bidden u, ons aan Jezus, het onbevlekte Lam, en aan Maria, de Koningin dei-Maagden, aan te bevelen ; opdat wij, die de bedorvenheid onzer natuur zoo menigwerf onder-

ocr page 186

166

vinden, de gave der zuiverheid ontvangen en u zoo navolgen op deze aarde, dat wij met u, o groote Beschermer onzer zuiverheid, eenmaal onder de Engelen in het Paradijs gekroond worden. Amen.

Wijding: van liet koordje van den H. Thomas van Aquinen.

v. Adjutorium nostrum in nomine Domini,

R. Qui fecit coelnm et terrain.

Dominus vobiscum, etc.

Oremus.

Domine Jesu Cliriste, Fili Dei vivi, puritatis amator et custos, obsecramus immensam clemen-tiam tnam: ut sicut ministerio Ar.gelorum sanctum Thomam Aquinatem Cingulo castitatis cingere, atque a labe corporis et aniituc prseservare fecisti: ita ad honorem et gloriam ejus bene —|— dicere et sanctifi care digneris cingula ista ut qui-cnmque ipsa circa renes reverenter portaverit atque tenuerit, ab omni immunditia mentis et corporis puriflcetur, atque in exitu suo per manus sanctorum Angelorum, tibi digne prsesentari me-reatur. Qui cum Patre et Spiritu Sancto vivis et regnas Deus, per omnia ssecula sseculorum. e. Amen.

Asperg-antur alt;iiia benedicta.

Priester. Dat God uit uw liart wegneme de ijdelheden der wereld die gij verzaakt hebt, toen gij het H. Doopsel hebt ontvangen, en dat Hij u

ocr page 187

167

met het kleed der zaligheid bekleede, opdat gij eens waardig moogt zijn met Christus in het rijk der hemelen te wezen. Amen.

De Priester omgordende zegt: Dat de Heer u omgorde met het koord der Zuiverheid en met den gordel der rechtvaardigheid; opdat gij de begeerlijkheid des vleesches aan de rechte rede onderworpen lioudet, en de bekommernissen dezer wereld in u de liefde tot God, en het volbrengen van Zijnen heiligen wil niet vermindere. Amen.

Gebeden ter eere van deu H. Petrus, Martelaar der Prediklieerenorde,

PATROON DEll ZIEKEX.

De zieke bidt bij het gebruik van dit water gedurende negen achtereenvolgende dagen de onderstaande gebeden. Mocht deze hiertoe niet in staat zijn, dan kunnen ook anderen voor hom de Noveen verrichten. Men kan ook in de plaats dezer gebeden dagelijks den H. Rozenkrans bidden en dien ter eere van den heiligen Martelaar Petrus aan God opdragen.

I.

Gebed bij liet g-ebruik van het water, gewijd ter eere van deu H. Petrus.

God, die tot heil van het mensclielijk geslacht in de natuur des waters de verhevenste geheimen hebt verborgen, aanhoor goedgunstig onze smeekingen, opdat wij, die dit water, gezegend met de overblijfselen van den H. Martelaar Petrus, godvruchtig gebruiken, de kracht dezer hemelsche zegening mogen ondervinden. Laat door tusschen-komst van dien Gelukzaligen Martelaar dit ge-

ocr page 188

168

lieiligd water een heilzaam middel zijn ter genezing onzer kwalen ; bevrijd ons van de listen der booze geesten, verwijder van ons de ziekten en zwakheden naar lichaam en ziel, en verleen, dat al wie dit water zal gebruiken of zich daarmede zal besproeien, verlost worde van allen geestelijken en lichamelijken tegenspoed, en zich in eene volkoinene gezondheid moge verheugen. Door Christus onzen Heer. Amen.

Driemaal Onze Vader, Wees gegroet, Glorie, enz.

II.

Gelted om door de voorspraak van den H. Petrus de g-ezoudheid te herkrijgen.

O Heer, God der hemelsche krachten, die dooide macht van üw woord elke ziekte en ongesteldheid van de lichamen der menschen kunt verwijderen, help genadiglijk mij Uwen dienaar (Uwe dienares), die zijne (hare) toevlucht neemt tot bescherming van Uwen Martelaar, den H. Petrus. Geef, dat door zijn voorspraak mijne ziekte ver-dwijne, mijne krachten herstellen, en ik, na het verkrijgen mijner gezondheid, Uwen heiligen Naam zegenen moge. Om de verdiensten van den H. Petrus bevrijd mij voortdurend van alle kwellingen naar lichaam en geest; bewaar mij door Uwe genade van de zonden, opdat ik verdiene na mijn leven tot de eeuwige vreugde te geraken. Door Christus onzen Heer. Amen.

Driemaal Onze Vader, Wees gegroet, Glorie, enz.

ocr page 189

169

III.

Gebed tot den II. Petrus, tijdens eene ziekte.

0 H. Petrus, roemwaardige Martelaar, die gedurende uw leven door uw vurig geloof zooveel wonderen voor de lijdende menscliheid verricht en na uwen marteldood zooveel ongelukkigen in hunne ziekten bijgestaan hebt, ik bid u allerootmoedigst en met het grootste vertrouwen, dat gij door de verdiensten van uw geloof en uwen marteldood, voor mij de gezondheid wilt verwerven, en mij van alle geestelijke of lichamelijke kwalen bevrijden. Mocht het echter Gode behagen, mij tot mijn eeuwig geluk, niet van mijue kwellingen te verlossen of mij met nog grootere droefheden en pijnen te bezoeken, verkrijg dan voor mij de genade, om alle lijden met geduld uit Gods vaderhand aan te nemen. Bewaar mij vooral van de geestelijke ziekten, die mijne ziel den eeuwigen dood kunnen toebrengen; verwerf voor mij, dat ik met Gods genade, na het lijden dezer wereld, door een godvruchtig leven en zaligen dood, den hemel moge verkrijgen. Amen.

Driemaal Onze Vader, Wees gegroet, Glorie, enz.

ocr page 190

170

LITANIE

ter eere van den H. Petrus, Martelaar.

Heer ontferm TJ onzer.

Christus, ontferm ü onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, hemelsche Vader, ontferm U onzer. God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer. God, H. Geest, ontferm U onzer.

Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U onzer. H. Maria, bid voor ons.

H. Petrus, roemrijke Martelaar,

Die reeds in uwe jeugd moedig het geloof

hebt beleden,

Die de lelie der zuiverheid altijd ongeschonden hebt bewaard.

Die uw leven zonder doodelijke zonden hebt doorgebracht, td

g Die uw vleesch voortdurend gekastijd hebt, £ -§ Die de armoede en nederigheid bemind lt; P-i hebt, °

Die de Predikheerenorde door den glans g uwer deugden versierd hebt, f

Die door uwe ervarenheid in de H. Wetenschappen geschitterd hebt.

Die met een Apostolischen ijver het geloof

verkondigd hebt,

Die met onverschrokken moed de dwaling bestreden hebt.

ocr page 191

171

Die als een steenrots onwrikbaar waart in het geloof,

Die door uw gebed vele zieken genezen hebt, ^ g Die met blijdschap uw leven voor de waar- £ £ heid hebt opgeofferd, lt;

P-: Die een drievoudige kroon, van zuiverheid, § geleerdheid en martelaarschap verwor- g ven hebt, ^

Die na uwen dood door vele wonderen verlieerlijkt zijt,

Wij zondaren, wij bidden U, verhoor ons.

Door de verdiensten van den H. Petrus, wij

bidden U, verhoor ons.

Dat wij onder zijne bescherming van alle ziekten mogen bevrijd blijven, wij bidden U, verhoor ons. Dat wij door zijne voorspraak van onze kwellingen mogen verlost worden, wij bidden U, verhoor ons.

Dat wij door zijne tusschenkomst in ons lijden het geduld mogen bewaren, wij bidden U, verhoor ons. Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,

spaar ons. Heer.

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,

verhoor ons, Heer.

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,

ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

v. Bid voor ons, H. Petrus,

a. Opdat wij de beloften van Christus waardig worden.

ocr page 192

172

Laten wij bidden.

Geef, bidden wij ü, almachtige God, dat wij met eeue waardige godsvrucht het geloof uavol-gen van uwen Martelaar, den H. Petrus, die voor de verbreiding van hetzelfde geloof verdiend heeft den martelpalm te verwerven. Door Christus onzen Heer. Amen.

Gebed dat de Priester bidt, wanneer hij met de reliek van den H. Petrus Mart. water wijdt voor de zieken.

Beuedictio aquae cum Reliq. S. Petri. Mart.

Ord. Priedic.

v. Adjutorium nostrum, etc.

v. Dominus vobiscum, etc.

Oremus.

Deus, qui ad salutem humani generis, maxima quseque Sacramenta in aquarum substantia con-didisti, adesto propitius invocationibus nostris, et elemento huic aquse, quod beati Petri Martyris tui virtute consignamus, virtutem tiue bene 7 dictionis infunde; ut per interventum ejusdem Martyris tui, sit fidelibus tuis in remedium salu-tare, dfemones ab eis ejiciens, morbos, ac inlir-mitates corporis et aniime repellens; et pmesta, ut quicumque eam sumpserint, vel ea aspersi fuerint, ab omni adversitate aniuue et corporis liberentur, et utriusque (partis) hominis recipiant sanitatem. Per Christum Dominum.

R. Amen.

ocr page 193

173

Oremus.

Immensam clemeutiam tuam, omnipotens net erne Deus, humiliter imploramus: ut hos fideles tuos, ad Eeliquias beati Petri Martyris devote acco-dentes, et ejus snffragia postulantes, tua ineffa-bili virtute bene f dicere digueris: ut per iuter-ventum ejusdem Martyris tui, ab orani cegritudiiio mentis et corporis liberati; tuaque hic et ubique raisericordia custoditi, et gratia salvati, post hujus quoque vii® ac vitae cursum, ad setema mere-antur gaudia pervenire. Per Christum, etc. r. Amen.

LITANIE

ter eere van den Heiligen Joannes,

van de Orde der Prediklieeren,

Martelaar van (Jorcuni.

(Grootendeels ontleend aan de getijden der Paters Prediklieeren.)

Heer, ontferm TJ onzer.

Christus, ontferm U onzer.

Heer, ontferm Tl onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, hemelsche Vader, ontferm U onzer.

God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer.

God, Heilige Geest, ontferm ü onzer.

Heilige Drievuldigheid één God, ontferm U onzer.

Heilige Maria, Koningin der Martelaren, bid voor ons.

Heilige Joannes met uwe gezellen, bid voor ons.

ocr page 194

Nederige dienaar des Heeren,

Standvastige beoefenaar der gerechtigheid. Hechte steunpilaar des geloofs,

Getrouwe zoon der ware Kerk,

Uitstekend voorbeeld van christelijken heldenmoed,

Onoverwinnelijke strijder in het strijdperk

des Heeren,

Eerbiedwaardige bloedgetuige van Christus, Luister der Predikheerenorde, Die brandend waart door het heilig vuur

der gerechtigheid,

Die de navolging van Christus boven de rijkdommen gesteld hebt,

Die de wet des Heeren met zooveel getrouwheid verkondigd hebt, Die gestreden hebt tegen de volkeren, welke het Heiligdom des Heeren wilden verwoesten.

Die met het schild des geloofs gewapend,

uwe vijanden overwonnen hebt,

Die als een goede Herder, voor de verzorging der verlatene schapen, uw leven in gevaar gesteld hebt.

Die gevangen genomen en in boeien geklonken een voorwerp van verachting en bespotting voor uwe vijanden waart. Die liever met Gods volk hebt willen verdrukt worden dan eene aardsche vreugde bezitten.

Die in den strijd door Gods rechterhand

ocr page 195

175

zijt bewaard en door zijn arm versterkt,

Die gedurende vele dagen en nachten op versclülleude wijze wreedaardig gemarteld zijt,

Die zelfs te midden der grootste smarten nog den lof des Heeren gezongen en zijne Moeder met lofliederen vereerd hebt, Die om Jezus' naam met uwe heilige gezellen u ter dood verwezen zaagt.

Die uw lichaam aanstonds als eene levende en heilige offerande hebt opgedragen, np Die ter bevestiging van liet heilig Gert heim des Altaars uw leven hebt willen S ca P-lt;

g opofferen, ^

^ Die om de verdediging van het zichtbaar g S) Opperhoofd der Kerk uw bloed hebt wil- ' ^ len storten, |

W Die na vele folteringen geleden te hebben met grootmoedigheid den marteldood doorstaan hebt,

Die nog na uwen dood in uw liehaam zoo

onwaardig zijt mishandeld geworden, Die in de oogen der dwazen in smaad gestorven zijt, maar na uwen dood het rijk van vrede vol luister zijt binnen gegaan.

Die om uwe overwinning in den strijd, uit de hand des Heeren den palm der martelaren ontvangen hebt.

Die bekleed met het kleed der gerechtig-

ocr page 196

176

of lieid in den Hemel met een schitterende

s kroon gekroond vverdt, H

g Die door de Kerk Gods om uwen luister- ^

' rijken marteldood tot het getal der Hei- g S) ligen verheven zijt geworden,

Die nu door alle volkeren dor aarde zalig § ^ genoemd wordt,

Wij zondaren,

Door de voorspraak van den H. Joannes, Dat wij naar zijn voorbeeld de wereld verachten en ons eeuwig geluk hoven alle ^ tijdelijke zaken mogen stellen, 3 Dat wij naar zijn voorbeeld de waarde van ^ het heilig Sacrament des Doopsels mogen g hoogschatten, 2 Dat wij naar zijn voorbeeld altijd van eer- ^ bied doordrongen mogen zijn voor het quot; Allerheiligste Sacrament des Altaars, g Dat wij naar zijn voorbeeld onzen H. Vader squot; den Paus van Rome altijd mogen eerbie- ° digen en gehoorzamen, g Dat wij naar zijn voorbeeld ons over het -cquot; heilig Geloof, zelfs te midden der vervol- M gingen, nimmer mogen schamen, S, Dat wij, na hier door hem beschermd te zijn geweest, eenmaal bij ü in den hemel mogen worden opgenomen.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

spaar ons. Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, verhoor ons, Heer

ocr page 197

177

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

ontferm U onzer, Heer.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, ontferm U onzer.

Heer, ontferm ü onzer.

v. Bid voor ons, Heilige Joannes,

a. Opdat wij waardig mogen worden de beloften van Christus.

Laat ons bidden.

O God, oorsprong en gever van alle deugden, schenk ons door het geloof en de standvastigheid uwer H.H. Martelaren Joannes en zijne gezellen, dat wij tot het heilig Gastmaal naderende, door hetzelfde liefdevuur mogen ontstoken worden, waarmede zij voor de waarheid van Uw Lichaam en Bloed, hun leven aan TJ tot eene offerande hebben aangeboden. Door Christus onzen Heer. Amen.

Gebed oj» het martelveld.

Hier kniel ik dan op die gewijde, dierbare plaats, waar gij, onze hemelsche broeders, na zoovéél en zoo langdurig lijden, den goeden strijd volstreden, uwen loop voltrokken en het geloof ten einde toe bewaard hebt. Hier dan was het bloedig altaar, waar gij u voor Jezus' naam in den dood hebt opgedragen; van hier zijt gij door de engelen afgehaald en ten hemel ingeleid, om van den rechtvaardigen Rechter, op dien dag uwer overwinning, de u weggelegde kroon te ontvangen. En uit zoo groote vervolging gekomen, moogt gij God nu dag en nacht voor zijn troon dienen.

12

ocr page 198

178

Ziet, bidden wij n, verheerlijkte Martelaars van ons vaderland, ziet neder op uwe broeders, die als vreemdelingen nog omwandelen, verre van den Heer, voor wiens aangezicht gij staat eu wien wij hier aanbidden en smeeken; ziet neder op ons, die nog zuchten en weenen in dit dal van tranen. Gij kent onze behoeften en ellenden: gij weet, wat wij u hier, op dit land, waar gij door den dood hebt overwonnen en waar uwe geslachtofferde lichamen werden nedergelegd, gij weet wat wij u hier komen vragen, . .. voor ons zeiven, ... en voor degenen die onze gebeden hebben verzocht en zich in den geest met ons vereenigen... O spreekt nu te zamen, onze beminde broeders, bij Jezus voor mij. voor ons; .. . vraagt Hem in vereeniging met zijne Moeder, zoo openlijk door u verheerlijkt, dat Hij ons gelieve te geven wat wij hier nu, bij zijn H. Sakrament, door uwe tusschenkomst afsmeeken....

Vol vertrouwen op uwe macht bij God, roepen wij u, die zijne geliefde dienaren en vrienden zijt, hier op deze heilige martelplek, ook aan, ten eerherstel voor al hetgeen tegen u, en in u tegen uwen Heer en Koning, hier waarachtig tegenwoordig, misdreven is. Wij vereeuigen ons te dien einde met alle hulde en vereeriug u door onze Moeder de H. Kerk bij uwe heiligverklaring toegebracht: wij vereenigen ons met alle verheerlijking, u, waar ter aarde ook, doch vooral in uw en ons vaderland, en bijzonder hi er op deze u dierbare plaats aangeboden. O, mochten

ocr page 199

179

het eens allen met ons doen, met ons hier gevoelen wat wij gevoelen!. . . Goede herders, die zóóveel voor het heil der zielen hebt gedaan, vraagt met ons om bekeering en verzoening voor de ongeloovigen, afvalligen en zondaren: vraagt met ons, dat alle afgedwaalden in ons midden tot den Opperherder hunner zielen mogen weder-keeren; vraagt voor ons, en voor de onzen, dat wij in het ééne ware geloof volharden, getrouw uit dat geloof leven en eens zalig sterven mogen.

En daar gij, glorierijke Martelaars, uw leven vooral hebt gegeven voor uw geloof in Jezus' waarachtige tegenwoordigheid in het Allerheiligste Sacrament; voor de eer van zijne Moeder en zijne Heiligen; en inzonderheid ook voor uw geloof in het Opperherderschap van Christus' Stedehouder, en de onfeilbaarheid van zijne Kerk; verwerft dan, smeeken wij u, bij onzen Heer en Zaligmaker, die ook hier met ons en waarlijk tegenwoordig is, dat wij altijd in godsvrucht tot zijn aanbiddelijk Liefdegeheim, in kinderlijke liefde tot zijne On-bevlekt-Ontvangen Moeder, tot onzen H. Vader en onze Moeder de H. Kerk mogen toenemen. Wij bevelen u die dierbare Kerk en al hare belangen, met haar zichtbaar Hoofd, Paus N..., die thans over haar gesteld is. Wij bidden u voor al onze geestelijke en tijdelijke overheden; wij bidden u voor alle lijdenden en nu stervenden. Met dankbare kinderharten bidden wij u voor onzen geliefden, nu ontslapen H. Vader Pius, die u heilig gekroond heeft; wij bidden u voor onze overledene

ocr page 200

180

Bisschoppen, herders en zielzorgers; wij bidden u voor al onze dierbare afgestorvenen, voor alle overledenen, en bijzonder voor die zielen welke het meest verlaten zijn. Amen.

v. Bidt voor ons, heilige Martelaars van Gorcum, a. Opdat wij de beloften van Christus waardig worden.

Onze Vader; Wees gegroet: Glorie zij den Vader.

ALGEMEEN GEBED

tot de HIL Martelaars van Gorcum voor onze processie.

Geliefde Heiligen van ons vaderland, onze verheven toonbeelden en getrouwe voorsprekers bij God; wij die als leden onzer processie, dikwerf uwe deugden herdenken en uwe hulp inroepen; die zoo gaarne elk jaar te samen het H. Martelveld bezoeken, om u te verheerlijken, en u daar eenparig onze belangen aan te bevelen; wij bidden u, onze hemelsche vrienden, ziet toch van omhoog op al onze broeders en zusters goedgunstig neder, bijzonder ook op onze huisgenooten, ... en al degenen die het gebed der pelgrims hebben verzocht...

Vraagt voor onze geestelijke bestuurders, voor ons en al de onzen wat ons naar lichaam en naar ziel zalig is; en verwerft voor ons, goede Heiligen, wat wij voor ons zeiven en voor anderen op deze bedevaart hebben afgesmeekt en nog afsmeeken...

Vraagt voor ons, dat wij uwe deugden zóó herdenken, dat wij ze ook in ons dagelijksch leven

ocr page 201

181

getrouw naar ouze roeping beoefenen, en ons uwe bescherming meer en meer waardig maken.

Vraagt, o trouwe dienaren van God en ijveraars voor de zielen, vraagt voor alle ouders en overheden nauwgezette vervulling van hunne plichten jegens de hun toevertrouwden; voor kinderen en onderhooringeu den geest van onderdanigheid, eerbied en dankbare liefde jegens allen, die over hen gesteld zijn. Vraagt voor de huisgezinnen, dat zij bevrijd blijven van alle ergernis, en altijd den zoeten vrede, welke uit God is, mogen smaken. Vraagt voor gehuwden en ongehuwden de kostbare deugd van zuiverheid naar hunnen staat. Vraagt voor lijdenden en veriatenen troost en kracht, om altijd en in alles Gods heiligen wil te volbrengen en te loven. Vraagt voor de zondaars en afvalligen om bekeering, voor de rechtvaardigen en voor ons allen de groote genade der volharding en een zalig stervensuur.

Glorierijke bloedgetuigen, die zooveel vermoogt bij den Koning der Martelaren, en bij Zijne en onze Moeder, die onder Zijn kruis heeft gestaan eu door u zoo moedig verheerlijkt is: o bidt toch met haar en haren beminden Bruidegom den H. Jozef, bij onzen barmhartigen Zaligmaker, dat de overledene broeders en zusters onzer processie, die nog in het vagevuur lijden, op uw en ons gebed, lafenis en verkwikking erlangen, en welhaast de eeuwige rust mogeningaan. O onze dierbare Heiligen, bidt voor hen allen en nog bijzonder voor diegenen, welke sedert onze laatste bedevaart

ocr page 202

182

ontslapen ziju: . . . bidt voor hen en bidt voor ons, dat wij te zamen eens uw hemelsch geluk mogen deelachtig worden. Amen.

LITANI E

ter eere van den H. Willebrordus, Besclieriner ïan Nederland.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, ontferm U onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, hemelsche Vader, ontferm U onzer. God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer. God, H. Geest, ontferm ü onzer.

H. Maria, Moeder Gods, bid voor ons.

Groote H. Willebrordus,

Wonderbaar voorspeld vóór uwe geboorte, Van uwe jeugd af een toonbeeld van deugd. Die zeer jong nog het kloosterleven hebt CjT omhelsd, ^

'g Die de wereld en hare genoegens hebt s 2 veracht, lt;

jZi 7 Q

S Die met werken, vasten en bidden God o gt; diendet, o

Die door God als Apostel naar Nederland 5 W gezonden zijt,

Die door Paus Sergius tot Aartsbisschop

van Utrecht zijt verheven,

Stichter der christelijke kerken.

ocr page 203

183

Die met uwe gezellen in ons vaderland

het geloof liebt geplant,

Die door wonderen uwe leer bekrachtigd hebt,

Bekeerder van vele zielen,

gquot; Troost der bedroefden, M

'g Die geen moeite en arbeid hebt gespaard £ 2 om ons tot God te voeren,

,2 Die nu in den hemel met glorie zijt ge- § gt; kroond, 0

Dien wij hier op aarde als onzen bescher- p ~ mer aanroepen,

Opdat wij in het ware geloof ten einde toe volharden.

Opdat de ongeloovigen zich tot God be-keeren,

Opdat de overledenen in vrede mogen rusten, Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,

spaar ons Heer,

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,

verhoor ons Heer,

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, ontferm U onzer Heer,

v. Bid voor ons, H. Willebrordus,

h. Opdat wij waardig worden de belofte van Christus.

Gebed.

Almachtige God, die ons door de verdiensten van den heiligen Willebrordus, tot het heilig, christelijk geloof gebracht hebt, geef, bidden

ocr page 204

184

wij U, dat wij door zijn verdiensten en op zijn voorspraak van alle kwaad naar ziel en lichaam mogen bevrijd blijven. Door Jezus Christus onzen Heer. Amen.

Gebed tot den H. Willebrordus.

O God, die U gewaardigd hebt, den H. Wille-brordus te zenden, om het geloof aan de heidenen te verkondigen, opdat zij daardoor tot kinderen Gods zouden gevormd worden, geef ons, smeeken wij U, door zijne voorspraak, dat wij in het heilig geloof ten einde toe volharden en dat zij, die nog niet zooals wij, het geluk hebben tot Jezus' zaligmakende Kerk te beliooren, daartoe mogen gebracht worden door zijne machtige voorspraak. Dit vragen wij ü door de verdiensten van Jezus Christus Uwen Zoon. Ameu.

ocr page 205

185

LITANIE

TER EERE VAN DEN H. ANT0N1ÜS VAN PADÜA,

Heer, ontferm TJ onzer.

Christus, ontferm U onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, hemelsche Vader, ontferm U onzer.

God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer.

H. Drievuldigheid, één God. ontferm ü onzer.

H. Moeder Gods, beschermster van den H. An-

tonius, bid voor ons.

H. Franciscus, vader en leidsman van den H. Antonius,

H. Antonius, luister der heilige Kerk,

Licht van Frankrijk,

Fakkel van Italië en Spanje,

Hoop van alle volkeren.

Navolger van den H. Franciscus,

g Getrouwe onderhouder van uwen H. Regel, g Wonder van boetvaardigheid, ^

a Verachter der wereld, §

^ Minnaar der armen, 0

W Overwinnaar der begeerlijkheid, g

Vriend der armoede.

Lelie van zuiverheid.

Verkondiger van het H. Evangelie,

Orakel van den H. Geest,

ocr page 206

186

Vat van heiligheid,

Gids op den weg der volmaaktheid,

Schrik der hel,

Doorgronder der gewetens,

Leidsman der onwetenden,

Vertrooster der bedrukten,

Verdediger der onschuld, ^

•g Machtig in woorden en werken, £

S Lieveling van het Kindje Jezus, lt;

lt; Brandend van ijver voor de zaligheid der ^ M zielen, g

Die toekomstige gebeurtenissen voorspeld f0 hebt,

Die dooden ten leven hebt opgewekt, Die met vrucht wordt aangeroepen in het

zoeken van verloren zaken,

Krachtdadige beschermer in elk gevaar, Glorie der Orde van den H. Fvanciscus, Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

spaar ons, Jezus.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

verhoor ons, Jezus.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U onzer, Jezus.

v. Bid voor ons, H. Antonius,

a. Opdat wij waardig worden de beloften van Christus.

Gebed.

Allergoedertierenste Jezus, die Uwen belijder, den H. Antonius, door de mirakelen, welke hij heeft gedaan, hebt beroemd gemaakt, geef ons.

ocr page 207

187

bidden wij U, dat wij door zijne voorspraak en verdiensten bekomen mogen, hetgeen wij TJ met vertrouwen vragen; door onzen Heer Jezus Christus. Amen.

Smeekgebed tot den H. Antonius.

O H. Antonius, machtige helper iu alle noodwendigheden, wijl zooveel menschen uwe krachtige hulp roemen, wil ook ik in uwen trouwen bijstand troost zoeken. Ik kniel hier voor uw beeld neder, o groote Heilige en getrouwe Triend Gods, met de vaste overtuiging, dat gij mij kunt en wilt helpen. Vervul smeek ik u, mijn verlangen, zoo het volgens Gods H. Wil is. Zou het echter strijdig zijn met het welzijn mijner ziel, wil mij dan eene volkomen onderwerping aan Gods oneindige raadsbesluiten verwerven.

Ach, verhoor mij toch liefderijke H. Antonius; neem mijn sineeken goedgunstig aan: geef, dat mijn onwrikbaar vertrouwen niet vruchteloos zij, opdat allen u prijzen en zeggen: hij heeft op den H. Antonius vertrouwd, en is verhoord geworden. Ik bid u dan, o getrouwe Beschermer, zoowel ter wille uwer eigen eer, als te mijnen gunste, voor mij de zoo vurig afgebeden genade te willen verkrijgen; want uw lof moet over geheel de aarde verkondigd, en uwe machtige hulp door alle eeuwen heen geprezen worden. Let ook niet op mijne onwaardigheid; maar gedenk, hoe aangenaam uw gebed aan God steeds is. Ach, versmaad dan toch, groote H. Antonius,

ocr page 208

188

een ootmoedig en vermorzeld hart niet, gelijk God liet niet veracht; maar draag mijne dringende bede den goddelijken Zaligmaker op. Amen.

Gebed om verloren zaken van groote waarde terug te vinden.

O Jezus, ik heb gedwaald als het schaapje, dat verloren was; ach, zoek Uwen dienaar (Uwe dienares) op. Uwe geboden niet meer indachtig', ben ik ver van U afgeweken, en daarom dan ook, dewijl ik U beleedigde, heb ik ingevolge Uwe gerechtigheid ook een tijdelijk verlies geleden. Om dit weder terug te bekomen, smeek ik U ootmoedig, o Jezus, geef geen acht op mijne onwaardigheid, maar op de voorbede van uwen dienaar Antonius, wien Gij de macht verleend hebt, het verlorene weder terug te brengen. Daarom richt ik mij tot u. o H. Antonius. Patroon voor het terugvinden van verloren zaken. Aan allen, die u met een oprecht gemoed aanroepen, brengt gij trouw het verlorene terug; overal klinkt uw lof:

„Niets wat verloren ging,

Dat jong en oud, die bad,

Met wêêr terug ontving.quot;

Verhoor ook mijne bede, en schenk mij terug, wat ik door ongeluk of anderszins verloren heb. Ik weet, wel is waar, dat de Heer het mij gegeven, en het mij weder ontnomen heeft, daarom zeg ik met Job: de Naam des Heeren zij ge-

ocr page 209

189

zegend! Dewijl ik ecliter niet weet, wat de goddelijke Voorzienigheid met mij voorheeft, kom ik tot u, o H. Aiitonins, met de ootmoedige bede, dat ik door uwe voorspraak, indien het Gode welgevallig is, terugvinde, hetgeen ik verloren heb. O goedertieren Vader, gij kent het verlies, dat ik ondervind, en deu nood, die mij drukt; verlaat mij dan niet in deze aangelegenheid, opdat ik met vreugde aan den voet van uw altaar terugkeere, u luide dankzegge, en uwen lof, benevens al de door U bewezen weldaden overal moge verkondigen. Amen.

Oebcd in allerlei teg-enspoed.

(Dit gebed kan ook dienen als noveen.)

Met een vermorzeld en vernederd hart kom ik tot u, o medelijdende H. Antonius, troost der bedroefden; ik smeek u, aanschouw mijn lijden en den zwaren last des kruises, waaronder ik zucht. Kom ook mij te hulp, dewijl gij bereid zijt, allen te helpen, die u aanroepen. Bid voor mij tot onzen lieven Jezus, die onze gebeden krachtens Zijne barmhartigheid wel verhoort, doch om onze onwaardigheid Zijne hulp uitstelt. Gij echter, H. Antonius, die Gods getrouwe dienaar zijt, zoudt gij niet alles vermogen bij dit liefdevol Vaderhart? Wat kan deze rechtvaardige Rechter Zijnen trouwen vriend ooit weigeren ? Daarom bid ik u, o edelmoedige Beschermer, verkrijg mij vóór alles de genade, om de zoude te ver-

ocr page 210

100

laten, opdat ik de gevraagde hulp in mijn lijden des te eerder bekome. Geef, dat ik verhooring vinde in deze aangelegenheid; opdat ik den God, die wonderbaar is in Zijne Heiligen, hier in den tijd, en daar boven voor eeuwig moge loven en prijzen. Amen.

Responsorium.

Wilt gij miraak'len zien? Geween, gekerm

en zuchten.

En duivel, dood en pest en ketters moeten vluchten. Wat ziekten het ook zijn, melaatschheid zelfs

verdwijnt:

Geen meusch, hoe krank hij is, die niet gezond

verschijnt.

e. De zee vlucht voor hem heen, de banden

der gevangen, Zij springen door hem los; zoo jong als oud

ontvangen

In al hun bangen nood, hulp, troost en onderstand; En wat verloren is, stelt hij hun weêr terhand. En allen, die tot hem slechts richten hun gebeden. Zij hebben noch gevaar, noch ramp, noch

zwarigheden. Dat hij, die 't ondervindt, 't belijde openbaar, En Paduanen blij 't getuigen altegaar; e. De zee vlucht voor hem heen, enz.

Glorie zij den Vader, enz.

v. Bid voor ons, H. Antonius,

a. Opdat wij waardig mogen worden de beloften van Christus.

ocr page 211

191

Laat ons bidden.

Almachtige en eeuwige God, die uwen glorierijken Belijder, den H. Antonius, met gedurigen luister van wonderwerken bekroont, verleen ons genadig, dat wij, hetgeen wij met vertrouwen door zijne verdiensten verzieken, door zijn voorbeden mogen verwerven. Door Jezus Christus onzen Heer. Amen.

Gebeden tot den H. Antonius in allerlei noodwendigheden.

Hoezeer voel ik mij getroost, o mijn beminnelijke beschermer, als ik denk aan de woorden: „Troost der bedrukten.quot; Ach! ik verkeer in zulk een pijnlijke droefheid, ik zag geen hoop meer, maar deze woorden hebben mijne ziel opgebeurd. Daarom kom ik dan ook tot u, goede H. Antonius, en met vertrouwen smeek ik u, sta mij bij in deze noodwendigheid. Om de liefde die uw hart vervulde, toen gij het goddelijk Kindje op uwe zuivere handen mocht dragen, bid ik u, mij te verhoeren. O gij, die niemand ongetroost wegzendt, troost ook mijn bedroefde ziel. Ik ben er zeker van; als ik met een vast vertrouwen tot ii kom, zult gij mij helpen, als het mij zalig is. Goede H. Antonius, boezem mij zulk een vertrouwen in en verhoor mij. Amen.

Voor het welslagen eener tijdelijke zaak.

Alles, H. Antonius, alles vermoogt gij op het hart van Jezus en Maria: nimmer klopt gij daar

ocr page 212

192

tevergeefs aan. Ik smeek u dus vol vertrouwen, sla uwe liefdevolle oogen op mij, uwen onwaar-digen dienaar, en bid voor mij om zegen en voor-

liehting in deze zaak____ die voor mij van zoo

groot gewicht is. Mocht echter hetgeen ik vraag strijdig zijn met Gods eer en mijne zaligheid, verkrijg voor mij dan de genade om mij met gelatenheid te onderwerpen aan de bestiering van Gods Voorzienigheid, die alles naar wijsheid beschikt voor ons eeuwig heil. Amen.

Om een g-eestelijke weldaad.

Volmaakt toonbeeld van deugd voor allen, die hunne zaligheid willen bewerken, H. Antonius ! ik kom thaus uwe hulp inroepen voor mijne ziel;

voor haar vraag ik u deze genade...... O gij,

groote ijveraar der zielen, die op aarde geen moeite te groot hebt geacht, om zielen voor God te winnen, zoudt gij mijn gebed kunnen verstoeten? Neen, dat kunt gij immers niet? Doch mijn gebed is geene verhooring waardig; daarom, voeg gij uwe smeekingen bij de mijne, vraag gij van

God deze geestelijke genade____ en Hij zal u

ongetwijfeld verhoeren, daarvan ben ik verzekerd. Zoo geschiede het. Amen.

ocr page 213

193

LITANIE

ter eere van de H. Liduina, voorbeeld van geduld en lijdzaamlieid,

Heer outferm U onzer.

Christus, ontferm U onzer.

Heer, ontferm LT onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, hemelsche Vader, ontferm U onzer. God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer. God, heilige Geest, ontferm ü onzer.

Heilige Drievuldigheid één God, ontferm U onzer. Heilige Maria, Koningin der Maagden, bid voor ons.

Heilige Liduina, sieraad onzer stad,

Voorbeeld van lijdzaamheid in de beproevingen,

Die dag en nacht Jezus' lijden overdacht. Verrijkt met de vijf H. Wonden,

oT Troosteres der hopelooze zieken, S

'B Toevlucht bij langdurige beproevingen, 2 Die door uwe voorbede ook tijdelijke ram- g pen van ons afweert, ^

^ Die in alle gevaren naar lichaam en ziel § ons beschermt.

Die in alle beproevingen des levens ons de onderwerping leert aan Gods H. Wil, Trouwe dienares der vlekkelooze Moedermaagd,

Lelie van maagdelijke onschuld,

13

ocr page 214

194

Die van uwe jeugd af den Heer u hebt toegewijd,

Die het kleed der zuiverheid altijd vlekke-tf loos hebt gedragen,

•9 Die over de wereld en hare verleiding hebt 73 gezegevierd,

1-1 Die kinderlijk met uwen H. Engelbewaarder K verkeerd hebt.

Vurige vereerster van het H. Sacrament, td Onvermoeide voorspreekster voor de lijdende ^ zielen, g

Opdat wij in ziekte en in nood den geest van ° geduld en onderwerping mogen bezitten, g Opdat wij alle lijden mogen beschouwen als quot;

een bewijs van Gods vaderlijke liefde.

Opdat wij in vóór- en tegenspoed Gods H. Wil

mogen eerbiedigen,

Opdat wij pijnen en lijden als welverdiende boetestraffen rouwmoedig mogen verduren. Opdat wij tot in den dood volharden mogen

in de deugd,

H. Liduina., onze liefderijke beschermster. Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

spaar ons, Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

verhoor ons, Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

ontferm U onzer.

v. In al onze droefheden en pijnen,

a. Wees onze bijzondere beschermster, o Heilige Liduina.

ocr page 215

195 (

v. Bid voor ons, Heilige Liduina,

a. Opdat wij waardig worden de beloften van

Christus.

Laat ons bidden.

Heer Jezus, die de H. Maagd Lidnina tot een schitterend voorbeeld hebt gemaakt van geduld en van lijdzaamheid, geef, dat wij door haar geduld aangemoedigd en door hare lijdzaamheid gesterkt, de wederwaardigheden en hot lijden van dezen tijd met volkomen onderwerping aan Uwen H. Wil geduldig en lijdzaam verdragen, opdat wij, die hier met haar gedeeld hebben in Uw lijden, eenmaal ook met haar in de heerlijkheid deelen mogen. Door Christus onzen Heer. Amen.

Dat de allerrechtvaardigste, allerhoogste en allerbeminnelijkste wil van God in alles volbracht, geprezen en in eeuwigheid hoog verheven worde. Amen.

100 dagen aflaat, éénmaal daags ; — volle aflaat, onder de gewone voorwaarden, eenmaal in 't jaar, op een dag naar verkiezing: — volle aflaat in het uur des doods, als men dit gebed dikwijls in bet leven gebeden zal hebben, en den dood met onderwerping aan Gods H. Wil aanneemt.

Pius VIII, 19 Mei 1818.

(ilcbed om een geestelijke of tijdelijke gunst.

Heilige Lidnina, die zoo menigmaal van God verschillende gunsten hebt verkregen voor hen, die uw voorbede afsmeekten, ik wend mij thans tot u en roep met een vast en levendig vertrouwen uw krachtigen bijstand in. Gij kent de begeerte mijns harten ; gij weet, welke gunst ik gaarne

ocr page 216

196

van Gods goedheid verkrijgen zou, maar die ik door mijne zonden niet waardig beu te ontvangen. Welnu nadert gij in mijne plaats tot God, draag hem mijn nederige bede voor; ter wille van uwe verdiensten zal Hij mij de gevraagde gunst verleeneu. Dat echter hierin niet mijn wil geschiede, maar dat in mij, met mij en door mij de allerrechtvaardigste, de allerhoogste en allerbeminnelijkste wil Gods in alles volbracht worde. Gods H. Naam zij door allen overal geloofd en geprezen in den tijd en in de eeuwigheid. Amen.

LITANIE

ter eere van den H. Blasius, patroon tegen keelziekte.

Heer ontferm U onzer.

Christus, ontferm ü onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, Hemelsche Vader, ontferm U onzer. God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer. God, H. Geest, ontferm U onzer.

Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U onzer. H. Maria, Koningin der Martelaren, bid voor ons, H. Blasius, Bisschop en Martelaar, bid voor ons. H. Blasius, die van uwe jeugd af God vreesdet,

bid voor ons.

H. Blasius, die brandend waart van liefde tot God en de menschen, bid voor ons.

ocr page 217

197

Toonbeeld aller deugden,

Die een sieraad waart van den bisschoppe-

lijken zetel,

Aan wien zelfs de dieren des wouds gehoorzaamden.

Die tot geloofsverzaking gedwongen, onverschrokken uw geloof hebt beleden, Die om uwe standvastigheid wreedaardig

geslagen zijt.

Die in den kerker geworpen, door het

kruisteeken alle zieken genezen hebt, Die andermaal voor den rechter gebracht, in uw geloof onwankelbaar bevonden zijt. Die een jongeling, door doodelijke keelziekte

aangetast, genezen hebt,

Die om uw trouw aan God en Zijne wetten

wreedaardig gegeeseld zijt,

Wiens lichaam met ijzeren tangen is verscheurd geworden,

Die in het water geworpen, er vrij over

heen wandeldet,

Aan wien een engel de kroon der glorie

heeft toegezegd,

Die veroordeeld zijt om onthoofd te worden, Die voor uwe beulen gebeden hebt, Die beloofd hebt een voorspraak te zijn voor allen, die zich aan u zouden aanbevelen,

Die uit 's Heeren mond vernomen hebt, dat aan al uwe verlangens zou worden voldaan, Die daarna den marteldood gestorven zijt,

ocr page 218

198

g~ Door wieii God vele mirakelen uitwerkt, S Bijzondere Patroon voor hen, die aan keel- ^ 3 ziekten lijden, o

tci Toevlucht in lichamelijke smarten, S

Lam Gods, dat wegneemt de zouden der wereld,

spaar ons, Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

verhoor ons, Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

ontferm U onzer. Heer.

v. Bid voor ons, H. Blasius,

a. Opdat wij waardig worden de beloften van Christus.

Laten wij bidden.

Vergun ons, o Heer, de genade, naar het voorbeeld van Uwen Martelaar, den H. Blasius, alle uitwendige verdrukking, vervolging en lijden, ons aangedaan, zóó geduldig te verdragen, dat wij daardoor meer en meer in deugden mogen aangroeien; door Christus onzen Heer. Amen.

Door de verdiensten en de voorspraak van Uwen H. Martelaar Blasius, verlos mij Heer van keelziekten en van alle andere kwalen. lu den naam des Vaders eu des Zoons en des H. Geestes. Amen.

Bij den Zeiren.

Per merita et intercessionem Sancti Blasii Epis-copi et Martyris liberet te Deus a malo gutturis et a quolibet alio malo In nomine Patris et Filii et Spiritus Sancti Amen.

ocr page 219

199

LITANIE

ïan Overgave aan Gods H. Wil.

Heer, ontferm ü onzer.

Christus, ontferm U onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, Hemelsche Vader, ontferm U onzer.

God Zoon, Verlosser der wereld,

God, Heilige Geest, §

Heilige Drievuldigheid, één God,

Gij, die alles weet en voorziet, g

Gij, die alles bestuurt en beschikt, ^

Gij, die volgens Uwe verborgen inzichten alles 0 •

op eene wonderbare wijze uitwerkt, §

Gij, die het kwaad toelaat om er goed uit te 3

trekken, tot zaligheid Uwer uitverkorenen, In alle zaken en voorvallen, Uw allerheiligste Wil

geschiede, o Heer.

In alle omstandigheden of tegenspoeden, Uw allerheiligste Wil geschiede, o Heer.

In mijn staat en bediening, Uw allerheiligste

Wil geschiede, o Heer.

In mijn handel en wandel, Uw allerheiligste

Wil geschiede, o Heer.

In al mijne werken, Uw allerheiligste Wil geschiede, o Heer.

In mijne bezittingen en goederen, Uw allerheiligste Wil geschiede, o Heer.

ocr page 220

200

In mijn eer en goeden naam, ^

In mijne gezondheid en krachten, $ In al mijne kwellingen en bekoringen,

In mijne ziel en in mijn lichaam, Squot;

In mijn leven en in mijn dood, gquot;

In mij en in allen, die mij aangaan, 7-r-

In alle menschen en Engelen, S-

In alle schepselen, ^

In alle plaatsen der aarde, ^

In alle tijden, ~

De geheele eeuwigheid door, ® Al valt het hard aan mijne eigenliefde en zin- ET

nelijkheid, S. Alleen uit liefde tot ü en om Uw welbehagen,

Ik roep uit met alle rechtvaardigen en Heiligen, 0

Ik roep uit met de allerheiligste Maagd Maria, 5quot;

Ik roep uit met Jezus in den Hof der Olijven, ^ Onze Vader, enz.

Gebed.

O God. ik aanbid ootmoedig Uwen aller-heiligsteu Wil, en onderwerp mij aan Uwe ondoorgrondelijke oordeelen en allerrechtvaardigste schikkingen. En omdat de volmaakte volbrenging van Uw welbehagen de grondsteen is van alle volmaaktheid, de regel van deugd, en de eenigste rust en ware voldoening, wensch noch verlang ik .iets anders, dan, dat Uw hoogste welbehagen in mij en door mij op de volmaakste wijze volbracht worde. Amen.

ocr page 221

201

Gelatenheid in den H. Wil van God.

Hetgeen God wil, wil ik in al mijn tegenhedeu,

Hetgeen God wil, wil ik in alle omstandigheden,

Hetgeen God wil, wil ik in voorspoed en in nood.

Hetgeen God wil, wil ik in leven en in dood.

Dit woord: „het is Gods Wil,quot; schenkt mij steeds

vergenoegen, Want ja, 't is God alléén, die mij dit toe kan voegen; Gods Wil zij dan mijn troost in droefheid en in

smart,

Gods heil'ge Wil zij steeds de vrede van mijn hart.

De Wil van God alleen doet alle kwaad verdwijnen, Gods Wil doet over ous de zon van voorspoed

schijnen;

Al wie de leiding volgt van Gods algoeden Wil, Diens hart blijft in het woên der stormen vredig stil. Gods Wil versterkt het hart in ?t midden der

gevaren:

Die zich Hem overgeeft, dien zal Hij steeds bewaren ;

Gods Wil geeft in den strijd de krachten en den

moed.

En is voor zulk een mensch een algenoegzaam goed.

O God, welk een geluk, altijd te kunnen zeggen; In Uwen schoot, o Heer, wil ik mij nederleggen, In ü, o liefd'rijk God, smaak ik den grootsten lust, In Uwen Wil alleen vindt mijne ziele rust.

ocr page 222

202

In üwen Vaderschoot kan mij geen vijand deren, Al zou zich tegen mij geheel de wereld keeren; Ik vrees den bliksem niet, 'k ben voor geen

storm vervaard, Wijl Uw Voorzienigheid voor onheil mij bewaart.

Ik bid ü dan, o God, wil mijne ziel toch neigen Naar üwen Vaderwil; geef mij altoos te zwijgen. Wanneer de roe' mij slaat van Uw gerechtigheid, Opdat ik Uwen Wil ook love in eeuwigheid.

Dat de allerheiligste, allerverhevenste, allerbeminnelijkste en allerrechtvaardigste Wil Gods geschiede en in alles geloofd en verheerlijkt worde in eeuwigheid. Amen.

Vader, niet mijn maar Uw wil geschiede!

Het kort begrip der ootmoedigheid bestaat daarin, dat wy onzen wil in allo omstandigheden aan den H. Wil van God onderwerpen. H. BernardüS.

LITANIE

voor de geloovige zielen.

Heer, ontferm U over haar.

Christus, ontferm U over haar.

Heer, ontferm U over haar.

Christus, hoor ons voor haar.

Christus, verhoor ons voor haar.

God, Hemelsche Vader, ontferm U over haar.

God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U over haar.

God, Heilige Geest, ontferm U over haar.

ocr page 223

203

H. Drievuldigheid, eéu God, ontferm ü over haar. H. Maria,

H. Moeder Gods,

H. Maagd der maagden.

H. Michael, ' %

Alle H.H. Engelen en Aartsengelen, 3

Alle H.H. Koren der zalige Geesten, lt;•

Alle H.H. Apostelen en Evangelisten, |

Alle H.H. Martelaren,

Alle H.H. Bisschoppen en Belijders, g

Alle H.H. Leeraren, ^

Alle H.H. Maagden en Weduwen,

Alle Gods lieve Heiligen,

Wees genadig, spaar haar, Heer Wees genadig, verhoor haar. Heer,

Van Uwen toorn, verlos haar. Heer,

Van de gestrengheid Uwer rechtvaardigheid, Van den knagenden worm des gewetens. Van do pijnigende vlammen, ^

Van de onverdragelijke koude,

Van de schrikverwekkende duisternis, S

Van het droevig weenen en jammeren, g*

Door Uwe diepe ootmoedigheid, ë

Door Uwe vaardige gehoorzaamheid,

Door Uwe eindelooze liefde,

Door Uwen doodsangst en Uwe smarten, quot; Door Uw Kruis en Uw allerbitterst lijden. Wij zondaren, wij bidden U, verhoor ons. Die Maria Magdalena vergiffenis geschonken en den goeden moordenaar verhoord hebt, wij bidden U, verhoor ons.

ocr page 224

204

Die uit geuade zalig maakt, die zalig worden, wij

bidden ü, verhoor ons.

Die de sleutels hebt van den dood en de hel, wij

bidden U, verhoor ons.

Dat Gij onze ouders, bloedverwanten en weldoeners van de straffen des Vagevuurs wilt bewaren, wij bidden U, verhoor ons.

Dat Gij allen overledenen geloovigen de eeuwige rust wilt schenken, wij bidden U, verhoor ons. Dat Gij U wilt ontfermen over allen, die op aarde geene bijzondere voorsprekers hebben, wij bidden U, verhoor ons.

Dat Gij hen in het gezelschap der uitverkorenen

wilt opnemen, wij bidden U, verhoor ons, Koning van ontzachlijke heerlijkheid, wij bidden

ü. verhoor ons.

Zoon Gods, wij bidden U, verhoor ons. Lam Gods, dat wegneemt de zouden der wereld,

geef haar rust.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

geef haar rust.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,

geef haar de eeuwige rust.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

v. Van de poorten des afgronds,

e. VerJos, o Heer, hare zielen.

v. Heer, verhoor mijn gebed,

b. En mijn geroep kome tot U.

ocr page 225

205

Gebed.

God, Schepper en Verlosser aller geloovigeu, verleen aan de zielen. Uwer dienaars en dienaressen de vergeving van al hunne zonden; opdat zij de kwijtschelding, waarnaar zij altijd verlangd hebben, door godvruchtige gebeden mogen verwerven. Die leeft en heerscht met den Vader in de eenheid des H. Geestes, God in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Ontvang genadig, o barmhartige God, het gebed der liefde voor de overleden geloovigen, en schenk mij kracht en moed tot verbetering van mijn leven, opdat ik meer en meer zuiver van zonden. Uwe liefde waardig worde; om eenmaal met de zielen, door onze gebeden en goede werken uit het Vagevuur verlost, U in den Hemel te aanschouwen, te beminnen, te loven en te aanbidden in alle eeuwen der eenwen. Amen.

LITANIE

ter eere ïan het H. Kruis.

Ontferm U over ons, o Heer.

Zie gunstig op ons smeeken nêer ;

Zie, Jezus, ons bij 't kruishout staan, ^

Hoor gunstig Uwe kind'ren aan. g-

God, Vader, in des Hemels woon, 2.

Wij knielen neder voor Uw troon, §

God, Zoon, die met Uw kostbaar Bloed,

Voor 's werelds schulden hebt geboet.

ocr page 226

206

God, Heil'ge Geest, die Trooster zijt, En met Uw. gaven ons verblijdt, Drieëeuig, eeuwig Opperheer,

ü geven aarde en hemel eer.

O Heilig Kruis, door ons gegroet, Gepurperd met het kostbaarst Bloed, Wij groeten LT, o eed'le stam. Gij altaar van het godd'lijk Lam.

O Levensboom, wiens vrucht ons voedt, En voor den eeuw'gen dood behoedt, O zegeteeken van den held.

Die dood en heimacht heeft geveld.

Die ons ook ter verwinning wenkt, O Heilbanier, die vrede schenkt, O Sterfbed van des menschen Zoon,

Zijn oifer- en Zijn glorietroon.

O zoete troost in 's levens smart, Verkwikking voor 't gebroken hart, O trouwe Leerstoel aller deugd, En milde bron van zielevreugd.

O Gids op onze pelgrimsbaan,

Gij wijst den weg ten Hemel aan, Gij, wolk bij dag, Gij licht bij nacht, Die onzen pelgrimstocht verzacht.

O alverwerveud Zoenaltaar,

Gij hoop en heil der christenschaar.

ocr page 227

207

Ik sla miju blikken naar omhoog; Gij staat in glorie voor mijn oog.

Gij zijt der zaal'gen zielsgeneugt, Gij aller Eng'len eeuw'ge vreugd, Gij 't Reddingsteekei) na den val, Voorspeld door 't oud Profetental.

O Schepter van den Middelaar, O Heilstaf der Apostelscliaar, Der Martelaren kracht en kroon, Hun luister en onsterflijk loon.

O vreugde van het Paradijs,

Gij, der Belijd'ren roem en prijs, Die 't Maagdenkoor in 't blanke kleed Haar Bruidegom steeds volgen deedt.

O Rijksbanier van 's Hemels heir, En aller Heü'gen lof en eer,

ü zweren wij voor immer trouw. En roepen, ach, vol zielsberouw:

O god'lijk Lam, dat voor ons stierf, Ons 't leven aan het Kruis verwierf, Wanneer mijn stervensuur zal slaan. Laat dan mijn ziel in vrede gaan.

ocr page 228

208

WIJZE OM DEN H. KRUISWEG TE BIDDEN.

In de kerk gekomen om den Kruisweg te honden, knielt men voor het Altaar neder en tracht zich door het verwekken van een akte van berouw tot deze heilige oefening voor te bereiden. Vervolgens gaat men de onderscheidene Statiën in volgorde bezoeken, werpt zich voor elk dezer op de knieën en zegt met gevoel: Wy aanhielden U, Christus, enz. Nu blijft men een weinig tijds het geheim van Jezus' lijden overwegen, dat door de Statie wordt voorgesteld, en na een kort gebed tot den lidenden Verlosser, bidt men: Onze Vader, — Weesgegroet en Glorie zij den Vader, enz. Op deze wijze gaat men voort tot aan de laatste Statie, en zich dan weder tot het Altaar begevende, bedankt men God voor de ontvangene weldaden.

Als de Kruisweg in Processie gehouden wordt, is het wegens het aantal geloovigen niet noodig de 14 Statiën te volgen; men kan dan op zijn plaats blijven, als men zich slechts knielend vereenige met de gebeden van den Priester, en opsta, wanneer de Processie van de eene Statie tot de andere'gaat.

De aflaten, welke men door deze oefening verdienen kan, zijn dezelfde, welke zij verdienen, dio de Statiën van den Kruisweg te Jeruzalem in persoon bezoeken. Vele van deze zijn volle atlaten, welke men voor zich zelf of voor de zielen in het Vagevuur kan verdienen. Men maakt daarom eene intentie aan welke zielen men die aflaten wil toevoegen.

VOORBEREIDEND GEBED EN AKTE VAX BEROUW.

Met den diepsten eerbied werp ik mij voor U ter aarde, Verlosser van den zondigen mensch, en inuig getroffen over het lijden, dat U mijne verlossing gekost heeft, wil ik mij in deze oogen-blikken met dat wonder van liefde bezig houden, door U in den geest op uwen bloedigen Kruisweg te vergezellen. Maar hoe zal ik dit op eene waardige wijze verrichten kunnen ? Ik, die ü zoo dikwerf beleedigde, uw lijden niet zelden vernieuwde. Ja, mijn Jezus, ik beken het, ik ben

ocr page 229

209

een zondaar, een onwaardige; maar Gij kunt mij rechtvaardig en mve liefde waardig maken. Ontferm U dan over mij, verwerp mij niet van Uw aanschijn en vei'geef den boetvaardigen zondaar, die U als liet hoogste goed boven alles bemint, en juist daarom berouw heeft over zijne zonden. Niet meer, mijn God! niet meer zal ik zondigen, maar U steeds zoo beminnen, dat ik eenmaal onder diegenen gerangschikt worde, voor wie uw Bloed niet vruchteloos vergoten werd.

Tot voldoening voor mijne misdrijven, offer ik U deze oefening op. Stort, gedurende dezen bloedigen tocht, in mij den goeden geest, en geef, dat ik door uw lijden bewogen, tot uwe navolging aangespoord worde; maak mij deelgenoot aan de verleende aflaten, opdat zij mij behulpzaam zijn om in dit leven uwe erbarming en hierna uwe heerlijkheid van aanschijn tot aanschijn te genieten. Amen.

Ie STATIE.

Jezus wordt ter dood veroordeeld.

Wij aanbidden U, Christus, en loven TJ,

Omdat Gij door uw H. Kruis de wereld verlost hebt.

Overweeg, mijne ziel, met welke gevoelens Jezus dit vonnis ontvangt: zie, hoe gewillig Hij er zich uit liefde tot u aan onderwerpt. Ach! dat gij u toch eens schaamdet: gij, die zoo dikwerf het vonnis des eeuwigen doods verdiendet, gij gewaar-

14

ocr page 230

210

digt u nauwelijks eene geringe versterving aan te nemen, waartoe hij, die Gods plaats bekleedt, u soms veroordeelt. Welaan dan, wend u vol scliaamte tot Jezus, uwen Bruidegom, en zeg Hem met een hart vol liefde:

Dierbare Jezus, uwe onschuld en de liefde, waarmede Gij U, zonder eenige tegenspraak, aan het onrechtvaardigste vonnis onderwerpt, doen mij blozen: het is mij leed, dat ik mij bij het ontvangen van eene geringe beleediging-, bij het hooreu van een smadelijk woord, tot hiertoe zoo verontwaardigd toonde; ja, dit smart mij, en ik maak een vast voornemen om voortaan met uwe heilige hulp, elke versmading, hoe onrechtvaardig, hoe smartelijk die ook zijn moge, gaarne te verduren.

Onze Vader. — Wees gegroet.

Glorie zij den Vader, enz.

Ontferm U onzer, Heer! ontferm U onzer.

•2e STATIE.

Jezus neemt het Kruis op Zijne schouderen.

Wij aanbidden U, Christus, en loven U,

Omdat Gij door uw H. Kruis de wereld verlost hebt.

Mijne ziel, beschouw uwen Jezus : zie met welk eene teederheid Hij het Kruis omhelst; met welk eene kalmte en gelatenheid Hij den moedwil dei-woeste benden verdraagt. Ach! bloos over die

ocr page 231

211

ouverduldigheid, waaraan gij n, bij het verschijueu vau het geringste kruisje van tegenspoed, zoo vaardig overgeeft. Kom, vergezel uwen met liet Kruis beladen Jezus en zeg Hem:

Met reden schaam ik mij, lieve Jezus, wanneer ik ü het Kruis, het door mijne ondankbaarheid, door mijne zonden vervaardigd Kruis, zoo liefderijk zie omhelzen; terwijl ik aarzelde die lichte, die aangename kruisjes op te nemen, welke uwe oneindige liefde mij vormde en door zooveel genadehulp dragelijk maakte. Vergeef het mij, bid ik U, daar ik een vast besluit maak, om ze voortaan geduldig aan te nemen, van verre navolgend liet voorbeeld van uwe geliefde heilige Theresia, die U onophoudelijk smeekte: of lijden of sterven, het kruis of de dood.

Onze Vader. — Wees gegroet.

Glorie zij den Vader, enz.

Ontferm V onzer, Heer! ontferm U onzer.

3e STATIE.

Jezus valt de eerste maal onder het Kruis.

Wij aanbidden ü, Christus, en loven ü,

Omdat Gij door uw H. Kruis de wereld verlost hebt.

Mijne ziel, ziet gij de beleedigingen niet, welke uw gevallen Jezus te verduren heeft? En echter zwijgt Hij, en verdraagt alles uit liefde tot u:

ocr page 232

212

eu hoe ongeduldig zijt gij uiet, wanneer eene lichte ziekte u aantast; wanneer een gering ongeval u treft, hoe bitter beklaagt gij u dan niet. Ach, werp n met tranen van berouw voor Jezus' voeten neder, en bid Hem:

Beminnelijke Jezus, met leedwezen werp ik mij voor U ter aarde, omdat ik U zoo dikwerf door mijn ongeduld beleedigde. Ach! schenk mij de genade om te kunnen opstaan, den weg des Kruises met onderwerping te vervolgen, en alle rampspoeden gewillig te verduren.

Onze Vader, — Wees gegroet.

Glorie zij den Vader, enz.

Ontferm U onzer, Heer! ontferm U onzer.

4e STATIE.

Jezus ontmoet zijne H. Moeder.

Wij aanbidden U, Christus, en loven U,

Omdat Gij door uw H. Kruis de wereld verlost hebt.

Ach 1 welk eene hevige smart doorboorde het hart van Maria, en wie kan de folteringen opnoemen, waarmede Jezus' lijden bij deze ontmoeting verzwaard werd ? Ween, mijne ziel, ween bij dit hartverscheurend schouwspel, en troost de bedroefde Moeder en den lijdenden Zoon op deze wijze:

Liefderijke Moeder, ik ben het, die uwen geliefden Zoon, uwen Jezus aan die barbaarsche

ocr page 233

213

handen van ruwe krijgsknechten overleverde. Toen ik zondigde, juist toen vormde ik het zwaard van droefheid, dat uw moederhart doorboorde. Ach! ik heb er berouw over. en smeek U beiden om erbarming en vergeving; erbarming. heilige Maria! mijn Jezus! erbarming met eenen zondaar, die het besluit maakt om niet meer te zondigen, en daartoe dikwijls te overwegen de smarten van •Jezus en Maria.

Onze Vader, — Wees gegroet.

Glorie zij den Vader, enz.

Ontferm L' onzer, Heer! ontferm V onzer.

5e STATIE.

Jezus wordt door Simon van Gyrene in het kruisdragen geholpen.

Wij aanbidden U, Christus, en loven U,

Omdat Gij door Uw H. Kruis de wereld verlost hebt.

Deuk eens na, mijne ziel, welke beleediging de Cyreneër Jezus aandeed, door Hem in het kruisdragen zijne hulp te weigeren. Maar belee-digt gij Hem niet meer, als gij het Kruis, dat Jezus u overzendt, gedwongen en niet geduldig torst, als gij het nasleept en zelfs durft ontvluchten ? Ach! verfoei uwe dwaling, en bid uwen liefhebbenden Jezus:

Liefdevolle Jezus, ik belijd het, ik was die Cyreneër, ik, die slechts gedwongen het kruis der wederwaardigheden gedragen, en altijd ge-

ocr page 234

214

tracht heb het te ontvluchten. Ach 1 ik erken mijne misdaad en smeek om vergeving en genade voor de toekomst; zend mij vrij die krni-sen, welke ü zoo dierbaar zijn, met Uwe hulp zal ik ze vol onderwerping dragen.

Onze Vader, —- Wees gegroet.

Glorie zij den Vader, enz.

Ontferm U onzer, Heer! ontferm ü onzer.

6e STATIE.

Veronica droogt Jezus' H. Aanschijn met een zweetdoek.

Wij aanbidden U, Christus, en loven ü,

Omdat (.Tij door uw H. Kruis de wereld verlost hebt.

Is het mogelijk, mijne ziel, dat gij niet van liefde eu teederheid gloeit bij de overweging-van de belooning, welke de goede Jezus aan de vrome Veronica uitreikte, voor hare aan Hem betoonde daad van medelijden ? Hij stelde haar in het bezit van Zijne, in den zweetdoek afgedrukte, aanbiddelijke gelaatstrekken. Zou Hij niet op dezelfde wijze ook met u handelen, door Zijn heilig Wezen in uw hart te drukken, zoo gij dikwerf uw medelijden jegens Hem opwektet? Ach! geef dan van dat gemis aan u zeiven alleen de schuld, en zeg Hem :

Gefolterde Godmensch, zoo Gij niet in mijn hart gedrukt zijt, is de de schuld niet aan ü ; ueen,

ocr page 235

215

aan mij zeiven, aan mijne ongevoeligheid moet ik liet wijten. Immers, gevoel ik wel ooit medelijden jegens ü, overweeg ik wel ooit Uwe smarten? Ach ! ik verfoei mijne handelwijze en wil voortaan Uw bitter lijden dikwijls overwegen; opdat Gij met oiuiitwischbare letteren in mijn hart moogt gegrift blijven.

Onze Vader, — Wees yeyyoet.

Glorie zij den Vader, enz.

Ontferm IJ onzer, Heer! ontferm TJ onzer

7e STATIE.

Jezus valt ten tweeden male onder het Kruis.

Wij aanbidden U, Christus, en loven U,

Omdat Gij door uw H. Kruis de wereld verlost hebt.

Ach ! mijne ziel, hoe ongevoelig zijt gij! Ziet gij niet, dat het uwe trotschheid is, die Jezus ook nu op den grond doet nedervallen, daar gij uwen Heiland met voeten treedt, om u zeiven te verheffen? Acli! verfoei toch eens dien hoogmoed, en beloof Uwen gevallen Vriend beterschap.

Ja, mijn Jezus, ik beween mijne trotschheid, waardoor ik steeds boven anderen den voorrang begeerde; en wijl ik hierdoor oorzaak van Uwen val was, besluit ik, mij ook voor mijne minderen te vernederen, altijd met nederigheid en onderwerping te spreken en allen hoogmoed uit mijn

ocr page 236

21G

hart te verbannen. Help mij hierin door Uwe alvermogende genade.

Onze Vader, — IVees gegroet.

Glorie zij den Vader, enz.

Ontferm U onzer, Heer! ontferm U onzer.

Se STATIE.

Jezus troost de weenende vrouwen.

Wij aanbidden ü, Christus, en loven U,

Omdat Gij door uw H. Kruis de wereld verlost hebt.

Zie, mijne ziel, hoe de voor Jezus geplengde tranen met de door Hem gegeven vertroostingen gepaard gaan. Nauwelijks weenen Jeruzalem's vrouwen, of Jezus vertroost haar. Overweeg eens, dat, zoo gij tot hiertoe van Hem nog geen troost ontvangen hebt, het een sprekend bewijs is, dat gij nog geen tranen van medelijdei! over uwen lijdenden Zaligmaker gestort hebt.

Beminnelijke Verlosser, al te wel gevoel ik mijne verplichting, om over mijne ondankbaarheid en zondige werken te schreien; maar des te meer beween ik die, omdat zij oorzaak van üw lijden waren. Zoo dan de tranen der bedroefde vrouwen U welgevallig waren, o versmaad dan ook de mijne niet; opdat ik, zoowel nu als in het uur van mijnen dood door ü getroost worde.

Onze Vader, — Wees gegroet.

Glorie zij den Vader, enz.

Ontferm U onzer, Heer! ontferm U onzer

ocr page 237

217

9e STATIE.

Jezus valt ten derden male onder het Kruis.

Wij aanbidden U,- Christus, en loven U,

Omdat Gij door uw H. Kruis de wereld verlost hebt.

Beschouw, mijne ziel, beschouw uwen hier ten derden male op den grond gevallen Jezus. Uwe zonden deden Hem bezwijken. Hij kon den last uwer ondankbaarheid niet langer torsen. Maak dan toch eenmaal het besluit om niet meer ondankbaar te zijn, en uwen Verlosser op te beuren. Zeg Hem met geheel uw hart.

Goede Jezus, het is maar al te- waar, Uw herhaald vallen werd door mij veroorzaakt, omdat ik aan Uwe genade zoo slecht beantwoordde: maar zie, ik heb er berouw over en neem mij voor, om in het vervolg geen genade onbeantwoord te laten. Dit echter kan ik niet zonder Uwen bijstand. Help mij dan, om uit dien afgrond van ondankbaarheid op te staan en nooit meer uit Uwe genade te geraken.

Onze Vader, — Wees gegroet.

Glorie zij den Vader, enz.

Ontferm TI onzer, Heer! ontferm U onzer.

10e STATIE.

Jezus ivordt ontkleed en met rjal gelaafd.

Wij aanbidden U, Christus, en loven U,

Omdat Gij door Uw H. Kruis de wereld verlost hebt.

ocr page 238

218

Overweeg mijne ziel, hoe Jezus' maagdelijke zedigheid hier beleedigd, hoe Zijn smaak hier verbitterd werd. Ach! uwe oubeschaamdheid. uwe zinnelijke kleeding, uwe ijdelheid beroofden u van uwe onschuld, rukten Jezus de kleedereu van het lijf, uwe onmatigheid verbitterde den smaak van uwen Heer. Welaan dan, spreek Hem rouwmoedig aan, zeggende:

Lijdende Jezus, ja, ik beween mijn ijdel pogen, om in de wereld eenig vertoon te maken; ik verwensch mijne onwaardige begeerten, ik verfoei alle gehechtheid aan de wereld; geef, dat ik mij voortaan nooit meer van het kleed der onschuld beroove, dat ik mij nooit meer aan overdaad plichtig make, en door de eenvoudigheid mijner kleeding de zedigheid mijns harten levendig uit-drukke.

Ome Vader, — Wees yeyjoet.

Glorie zij den Vader, enz.

Ontferm JJ onzer. Heer.' ontferm TI onzer.

11c STATIE.

Jezus wordt aan het Kruis genageld.

Wij aanbidden U, Christus, en loven U,

Omdat Gij door Uw H. Kruis de wereld verlost hebt.

Eindelijk, mijne ziel, eindelijk wordt uw vermoeide, afgematte Jezus aan het vloekhout geklonken. Ween hier bij de herinnering, dat uwe zoo gekoesterde hartstochten die scherpe nagelen

ocr page 239

219

waren, waarmede Zijne handen en voeten doorboord werden ; dat uw bedorven wil de liaraer was, waarvan de slagen Golgotha weergalmen deden. Ach! smeek Hem hiervoor vergiffenis door te zeggen:

Mijn gekruiste Jezus, duld, dat ik vol droefheid en leedwezen mijne zonden en ondankbaarheid in Uwe doorboorde handen legge, niet om ü op nieuw te kruisigen; maar opdat mijne trouweloosheid met ü gekruist zijnde, van weedom sterve, om in een eeuwige trouw te veranderen.

Onze Vader, — Wees ge//roet.

Glorie zij den Vader, enz.

Ontferm IJ onzer, Heer! ontferm V onzer.

12e STATIE.

Jezus hidt voor Zijne krnisigers.

Wij aanbidden ü, Christus, en loven ü,

Omdat Gij door Uw H. Kruis de wereld verlost hebt.

Beschouw, mijne ziel. beschouw nogmaals uwen aan het Kruis gehechten Jezus. Zie, hoe treffend Hij den eeuwigen Vader bidt voor u, die Hem zoo schandelijk hoondet. En gij aarzelt nog vergeving te schenken aan hen, die u soms verongelijkten, die u beleedigden. En echter gij zijt het, die den Zoon van God niet slechts beleedigd, maar zelfs gekruist hebt. Welaan, verhef dan

ocr page 240

vol berouw over zoo vele zonden uwe stem tot Jezus eu zeg Hem:

Beminnelijke Zaligmaker, Uwe stem, waarmede Gij den Vader voor mij om vergeving badt, roept mij onophoudelijk toe, dat ik niet alleen mijnen naaste alle verongelijking vergeven, maar ook U voor mijne beleedigers om vergeving smeeken moet. Gehoorzaam aan die stem, verfoei ik dan ook mijne tot hiertoe gevolgde hardvochtigheid, en maak het voornemen, om hun, die mij verongelijking aandoen, weldaden te bewijzen, opdat ik ook eenmaal van U hooren moge: „heden zult gij met Mij in het Paradijs zijnquot;.

Onze Vader, — 7 rees gegroet.

Glorie zij den Vader, enz.

Ontferm TI onzer, Heer! ontferm ü onzer.

13e STATIE.

Jezus wordt van het Kruis genomen.

Wij aanbidden U, Christus, en loven ü,

Omdat Gij door uw H. Kruis de wereld verlost hebt.

Gij waart het, mijne ziel, die den gestorven Jezus in Maria's schoot legdet, zoo dikwerf gij Hem in het H. Sacrament met weinig godsvrucht, mogelijk wel op eene heiligschennende wijze in uw hart ontvangen hebt en Hem zoo doende in uw binnenste deedt sterven. Ach ! vraag Jezus hiervoor vergeving; bid Maria om hare voorspraak

ocr page 241

221

Ja mijn God, liet is waar, ik was ongevoelig genoeg, om door mijn gedrag zulk een droevig schouwspel te vernieuwen, daar ik zoo dikwerf Cw heilige Tafel naderde, zoo uiet met een door zonden bezoedeld geweten, dan toch met weinig godsvrucht en met een aan het aardsche gehecht hart. Ach! dit berouwt mij en spoort mij tevens aan, om voortaan het Brood der Engelen zoodanig te ontvangen, dat het voor mij eeu onderpand worde der toekomende heerlijkheid.

Onze Vader, — Wees gegroet.

Glorie zij den Vader, enz.

Ontferm U onzer. Heer! ontferm U onzer.

14e STATIE.

Jezus rvordt in het graf gelegd.

Wij aanbidden U, Christus, en loven U,

Omdat Gij door uw H. Kruis de wereld verlost hebt.

Overweeg, mijne ziel, hoe het graf was, waarin uw ontzielde Verlosser gelegd werd. Het was een nieuw graf, en met kostbaar reukwerk gebalsemd, werd Hij er in nedergelegd. Dan, helaas! uw hart is voor uwen Jezus geen nieuw graf meer, daar gij er de zoude eerst eene plaats hebt ingeruimd. Kom, tracht het dan nu ten minste te vernieuwen, en bid Hem, dat Hij in u een geheel ander hart scheppe.

Liefde mijner ziel, ik belijd het, mijn hart was tot hiertoe een door zoo vele zonden en onvol-

ocr page 242

222

luaakthedeu bezoedeld graf; maar vol schaamte eu berouw bid ik ü, schep in mij een nieuw en zuiver hart, en geef dat ik het met den balsem van de gedachtenis aan Uw lijden zalve, en met het reukwerk der deugden verfraaie. Dan zult gij altijd in mijn hart rusten als in een graf, dat heerlijk, U welgevallig is. Amen.

Onze Vader, — Wees gegroet.

Glorie zij den Vader, enz.

Ontferm V onzer, Heer! ontferm ü onzer.

SLU1TOEBED.

Hartelijk dank zij U, o Heer, voor al Uwe weldaden, en vooral voor die, welke Gij mij nu weder bewezen hebt, door mij op dezen Kruisweg te ondersteunen. Ik mocht mij dan gedurende dezen tijd geheel van het aardsche losscheuren; mij iu de geheimen vau Uw lijden verdiepen en daaruit heilrijke lessen putten. O! dat deze oefening dan ook werkelijk strekke tot verbetering van mijnen wandel, tot zaligheid mijner ziel. Geef goede Jezus, dat zij ook aan die afgestorven geloovigen voordeelig zijn, voor wie ik ze heb opgedragen ; en mochten deze die aflaten niet noodig gehad hebben, gewaardig U dan, deze aan die zielen toe te voegen, voor wie geen bijzondere gebeden gestort worden en

ocr page 243

223

die aau mijne hulp de meeste behoefte hebben; beschik erover gelijk het U behaagt.

Eindelijk verleen mij, dat ik Uw heilig lijden bestendig in mijne gedachten honde, mijnen wandel daarnaar regele en tot den laatsten adem mijns levens in de deugd volharden moge. Amen.

Zes maal Onze Vader, — Wees gegroet, en Glorie zij den Vader.

ocr page 244

224

KRUISWEG-OEFENING

VOOR DE

zielen in het Yagevuur.

VOO K B ER EIDIXJSGE BED.

O God, Vader van barmhartigheid! zie met liefde neder op de zielen in het vagevuur; heb mede-lijdeu met haar en wees haar genadig; zij zijn uwe kinderen! Jezus, Uw eenige Zoon. heeft ze vrijgekocht door zijn Bloed, en de H. Geest heeft ze verkozen tot zijne tempels. Genadige God, wees haar barmhartig en verlos haar uit die vreeselijke pijnen. Dierbare Jezus! gedenk hoe overvloedig Gij voor haar voldaan hebt, hoe Gij voor haar den smartelijksten dood gestorven zijt, opdat zij eeuwig zouden leven. Verlos haar uit het zuiveringsvunr, waar zij tot ü verzuchten, om eenmaal met de engelen in alle eeuwigheid tot Gods eer te zingen: Heilig, Heilig, Heilig, is de God der Heirscharen!

O, kon ik iets ter harer verlichting doen!... Ik zal tot dat einde de oefening van den Kruisweg houden en U, lieve Jezus, smeeken de aflaten toe te voegen aan de zielen van.....

O Maria! heb medelijden met de lijdende zielen. Gij toch zijt hare Moeder, zij zijn uwe kinderen. Bid ook voor mij ; opdat ik deze Kruisweg-oefening met eerbied moge houden.

ocr page 245

225

O heilige Engelbewaarder! aan wien God de zorg mijner ziel heeft toevertrouwd, gewaardig u mij te verlichten, te bewaren en te geleiden. Amen. 1)

15

1

Paus Pius VII heeft den l.^n Mei 1820, 100 dagen aflaat verleend aan allen, die dit gebed tot den H. Engelbewaarder godvruchtig zullen bidden: en wanneer zij dit gedurende eene maand dagelijks gedaan hebben, vollen aflaat, mits zy biechten en communiceeren en bidden volgens de inzichten van onze Moeder de H. Kerk.

ocr page 246

Ie STATIE,

Jezus wordt ter dood veroordeeld.

Wij aanbidden U, Christus, en loven ü,

Omdat Gij door uw Kruis de wereld verlost hebt.

O goede Jezus! wie had het ooit kunnen denken, dat Gij zoo diep vernederd, zoo schandelijk veroordeeld zondt worden. De misdaad waarvan men u beschuldigde was liefde, want Gij wildet uit liefde sterven om ons het eeuwig leven te geven. Lieve Jezus, ik bid ü door deze liefde, heb medelijden met de zielen in het vagevuur. Zij zijn om hare zonden wel rechtvaardig veroordeeld, maar gedenk dat Gij voor haar voldaan hebt, dat Gij tot een smadelijken dood veroordeeld zijt, opdat zij het eeuwig leven zouden genieten. Lieve Jezus! ik smeek ü, wees ook mij barmhartig en bewaar mij ook zelfs voor de kleinste zouden, ter voldoening waarvan de zielen in het vagevuur zulke groote pijnen moeten verduren.

O Maria! bid voor haar, opdat zij van hare zonden ontslagen mogen worden. Amen.

Onze Vader. — Wees gegroet. —-

Ontferm U onzer, Heer! ontferm U onzer!

God! wees ons zondaars genadig.

Heer, geef haar de eeuwige rust, en het eeu-wige licht verlichte haar.

ocr page 247

227

2e STATIE.

Jezus draagt het Kruis op Zijne schouders.

Wij aanbidden U, Christus, en loven U,

Omdat Gy door Uw Kruis de wereld verlost hebt.

O Jezus met welke liefde hebt Gij Uw Kruis omhelsd ! Met welke blijdschap hebt Gij het op Uwe schouders gelegd, om te voldoen voor onze zonden, om te boeten voor onze schulden! O gedenk de lijdende zielen in het vagevuur; zie hoe zwaar haar kruis, hoe groot haar lijden is! Zij zuchten in een vuur, dat vreeselijker is dan alles wat men in dit leven lijden kan. Zoudt Gij, o dierbare Jezus, geen mededoogen met haar hebben'? . .. Ach, gedenk met hoeveel liefde Gij Uw Kruis gedragen hebt. Ik bid U, liefste Jezus! ontferm U ook over mij, opdat ik geduldig mijn kruis moge dragen, zonder ü ooit door eenige zonden te vergrammen.

O Maria! bid voor de zielen, die in het vagevuur zijn, opdat God haar kruis moge verlichten. Amen.

Onze Vader, - Wees gegroet. —

Ontferm U onzer, Heer! enz. (blz. 226).

3e STATIE.

Jezus valt voor de eerste maal onder het Kruis.

Wij aanbidden U, Christus, en loven U,

Onidat Gij door uw Kruis de wereld verlost hebt.

Lieve Jezus! hoe gaat Gij zoo gebukt onder uw Kruis ? Hoe bezwijkt Gij zoo machteloos onder den last Uwer smarten? Is het niet cm ons uit

ocr page 248

228

liet lijden te redden, om onze smarten te verlichten ? Ach dierbare Jezus! ik smeek U om üvve goedheid en liefde de zielen in het vagevuur gedachtig te zijn; zij hebben zulke vreeselijke pijnen te verduren, en wenschen zoo vurig Gods aanschijn te mogen genieteu ; zij worden zoo hevig tot U, haar opperste Goed, gedreven, dat zij indien dit mogelijk ware, van verlangen zouden sterven. Wees haar dus genadig, het zijn uwe vrienden, en Gij valt onder het Kruis om haar op te beuren uit de vlammen en ten hemel te verheffen. O Jezus, wees ook mij genadig, richt mij op uit de zonden, en laat niet toe dat ik er in hervalle.

O Maria, Moeder der bedrukten, bid voor de zielen in het vagevuur. Amen.

Onze Vader, — Wees gegroet. —

Ontferm U onzer, Heer! enz. (blz. 226).

4e STATIE.

Jezus ontmoet Zijne bedrukte Moeder.

Wij aanbidden U, Christus, en loven U,

Omdat Gij door Uw Kruis de wereld verlost hebt.

Maria, wat zwaard van droefheid doorboorde uw hart, toen Gij uwen Zoon Jezus mismaakt, bloedend, onkenbaar en bukkende onder Zijn Kruis ontmoettet! Hoe dikwijls hadt gij liefdevol in Zijn minnelijk gelaat gezien, dat nu zoo bebloed en misvormd is. O, welk een droevige aanblik! Doch hoe smartelijk is het voor de zielen in het vagevuur dit aanschijn nog voor eenigen tijd te moeten

ocr page 249

229

derveu. Hoor hen zuchten: O God, wanneer zal ik komen en voor wc aangezicht verschijnen! O Maria, ik bid u, om de droefheid welke gij ge-voeldet bij dp ontmoeting van uwen geliefden Zoon, erbarm u over de lijdende zielen. Lieve Jezus, zie met een genadig oog op de lijdende zielen in het vagevuur, zooals Gij eens medelijdend Uwe Moeder aanschouwdet. Maarlieve Jezus! en Gij goede Moeder Maria! vergeet mij zondaar niet. Mijne ziel is misvormd en vol onreinheden door mijne zonden en gebreken; zuiver haar van die vlekken welke ik met geheel mijn hart verfoei. Amen.

Onze Vader, — Wees gegroet. —

Ontferm U onzer, Heer! enz. (blz. 226).

óe STATIE.

Simon wordt gedwongen het Kruis van Jezus te dragen.

Wy aanbiddeu ü, Christus, en loven U,

Omdat Gij door Uw Kruis de wereld verlost hebt.

Tot welke ellende zie ik U gebracht, lieve Jezus! Gij kunt dus Uw Kruis niet meer dragen en moet geholpen worden ? O, welke smart 1 Voor ons hebt Gij U zoo ver laten brengen, ü, welke eene liefde!.... Ontferm U daarom over de zielen in het vagevuur. Zij lijden zoo veel en kunnen zich niet helpen, omdat de tijd van verdiensten voor haar voorbij is. O, hoe verlangen zij naar God! Wees haar daarom genadig, lieve Jezus! Ik zou ze gaarne uit het vagevuur verlossen en ofïer U daarom al mijn lijden en werken tot lafenis der zielen op.

ocr page 250

230

Sta mij bij, lieve Jezus! om hier voor mijne zouden te voldoen, omdat er na dit leven daarvoor geen tijd meer is.

O Maria! het zijn de zielen ujyer kinderen, die in het vagevuur lijden! Verlos haar, opdat zij in den hemel met U God mogen verheerlijken. Amen.

Onze Vader. — Wees gegroet.

Ontferm U onzer, Heer! enz. (blz. 226.)

6e STATIE.

Veronica zuivert Jezus' gelaat.

Wij aanbidden U, Christus, en loven u,

Omdat Gij door Uw Kruis de wereld verlost hebt.

Uw beminnelijk maar misvormd en bebloed aanschijn, lieve Jezus! wekte medelijden bij Veronica en spoorde haar aan üw gelaat te zuiveren. Met welke liefde hebt Gij deze minzaamheid beantwoord en (Jwe beeltenis in haren doek afgedrukt! O Jezus! mocht üw hart van medelijden bewogen worden, door het zien van de smarten, die de zielen in het vagevuur te verduren hebben. Zuiver haar in Uw Goddelijk Bloed, opdat zij U in den hemel eeuwig mogen loven en danken. Zuiver ook mijne ziel en versterk mij, opdat ik haar niet meer door nieuwe zonden ontreinige, maar met alle deugden versieren moge, en zij nimmer moge komen in de pijnen des vagevuurs.

O Maria, bid voor de zielen in het vagevuur, opdat zij van hare zonden gezuiverd worden; en

ocr page 251

231

sta ook ons bij om de zonden te ontvluchten. Amen.

Onze Vader, — Wees gegroet. —

Ontferm U onzer', Heer! enz. (blz. 226.)

7e STATIE.

Jezus valt voor de tweede maal onder Zijn Kruis.

Wij aanbidden U, Christus, en loven U,

Omdat Gij door Uw Kruis de wereld verlost hebt.

Goddelijke Jezus! Uw lijden wordt te grooter in mijne oogen, hoe meer ik het overdenk. Helaas ! reeds zie ik U ten tweeden male onder het Kruis bezwijken, zonder dat iemand U eenigen bijstand biedt. Wee mij, ongelukkige! Wat zal er van mij worden, wanneer ik, gebukt onder den last mijner zonden, voor Uwe rechtbank zal verschijnen ? De zielen van vele mijner vrienden zijn reeds voor U verschenen, hoe velen zullen er schuldig bevonden zijn, die thans in het zuive-ringsvuur hunne schuld boeten, tot dat de laatste penning voldaan zal zijn! O, ik smeek U om Uw lijden, lieve Jezus! wees haar genadig! Ook smeeken wij ü, ons barmhartigheid te willen bewijzen en ons Uwe genade te schenken, opdat wij zelfs de kleinste zonden vermijden en de schulden, waarmede wij beladen zijn, door boete afkoopen.

O Maria! neem ons bij de hand als uwe kinderen, opdat wij niet mogen struikelen en help de zielen, die in den lijdenskerker verzuchten,

ocr page 252

232

dat zij de eeuwige heerlijkheid deelachtig mogeu worden. Amen.

Onze Vader, — Wees gegroet. —

Ontferm U onzer, Heer! enz. (blz. 226.)

Se STATIE.

Jezus troost de bedroefde vrouwen.

Wy aanbidden U, Christus, en loven U,

Omdat Gy door Uw Kruis de wereld verlost hebt.

Lieve Jezus! doe mij over TJ weenen, gelijk deze vrouwen. O, hoe groot en zwaar is üw lijden, maar ook, hoe groot is mijne boosheid, daar het om mij is dat Gij lijdt. O Jezus! vergeef mij mijne ondankbaarheden. Daarenboven smeek ik ü, heb medelijden met de lijdende zielen in het vagevuur. Zij roepen onze hulp in, zeggende : Ontferm u mijner, gij ten minste, mijne vrienden! want de hand des Heeren heeft mij getroffen. O Jezus! wij smeeken U, help hen, die door Uw dierbaar Bloed verlost zijn.

O Maria! wij roepen weenend tot U : wees ons en den geloovigen zielen genadig. Amen.

Onze Vader. - Wees gegroet. —

Ontferm U onzer, Heer! enz. (blz. 226.)

t)e STATIE.

Jezus valt voor de derde maal onder Zijn Kruis.

Wij aanbidden U, Christus, en loven U,

Omdat Gij door Uw Kruis de wereld verlost hebt.

Daar ligt de Godmensch machteloos ter aarde! Zie hoe de krijgsknechten Hem mishandelen, Hem

ocr page 253

233

slaan ! O God! hemelsclie Vader! hoe kunt Gij gedoogen, dat Uw eenige Zoon aldus mishandeld wordt ? Waarom zendt Gij Hem geen hulp ? O ziel! het is voor de uitdelging uwer zonden, welke Jezus op Zich genomen had; Zijne rechtvaardigheid eischt voldoening, en daarom is er geene genade voor Hem, zoolang door Zijn dood uwe schuld niet zal zijn betaald. Mijn God! ik schrik voor Uwe rechtvaardigheid, die zonder genade voldoening eischt. Hoe zwaar zuchten de geloovige zielen onder die strenge rechtvaardigheid, en hoe smeeken zij om genade en ontferming. O God 1 ik bid ü om het smartelijk lijden van Jezus, heb mededoogen met die lijdende zielen. O God! daar Gij na dit leven zonder barmhartigheid kastijdt, wil ik liever hier voor mijne zonden voldoen. Ik wil met Jezus ouder het kruis bezwijken; doch spaar mij in de eeuwigheid.

O Maria! bid uwen lieven Zoon voor hen, die in de pijnen des vagevuurs verzuchten. Amen.

Onze Vader. — Wees gegroet. —

Ontferm U onzer, Heer! enz. (blz. 226.)

10e STATIE.

Jezus wordt ontkleed en met gal gelaafd.

Wij aanbidden U, Christus, en loven U,

Omdat Gjj door Uw Kruis de wereld verlost hebt.

O Jezus! welke vreeselijke pijnen hebt Gij geleden, toen de beulen U met geweld van Uwe kleederen beroofden, daar zij U met die kleederen

ocr page 254

234

U het vleesch van het lichaam rukten, waardoor Uwe pijnen vernieuwd en Uwe ■wonden verdubbeld werden. Daarenboven moest Gij nog de bitterheid van de gal proeven.... O, welke smarten! Lieve Jezus! gedenk dit Uw bitter lijden en ontferm U over de zielen in het vagevuur, die in hun lijden tot U verzuchten. Tot nu toe zijn haar de genoegens des hemels ontzegd en worden zij met de bittere gal van een onuitblusch-baar vuur gelaafd. O Jezus! heb medelijden met hare smarten, en heb ook medelijden met mij en bewaar mijne ziel voor zonden, opdat ik niet kome in die plaats der pijnen. Maak mijn hart los van de wereld en hare genoegens en laat mij den kelk des lijdens onderworpen drinken.

O Maria! smeek God om genade voor de ge-loovige zielen, opdat zij spoedig de eeuwige heerlijkheid mogen aanschouwen. Amen.

Onze Vader. — Wees gegroet. —

Ontferm U onzer, Heer! enz. (blz. 226.)

11e STATIE.

Jezus wordt aan het Kruis genageld.

Wij aanbidden U, Christus, en loven U,

Omdat Gij door Uw Kruis de wereld verlost hebt.

O Jezus, in welk een ellendigen toestand zie ik U aan het Kruis genageld worden? Helaas, al Uwe ledematen zijn er zoo strak op gespannen, dat Gij U niet kunt bewegen en men Uwe beenderen kan tellen. Lieve Jezus, hoe hebt Gij ons

ocr page 255

235

zoozeer kunnen beminnen ? Ik bid ü om deze liefde, wees de zielen in het vagevuur genadig. Zie, hoe zij daar als gekruisigd zijn, zonder dat zij zich kunnen bewegen of helpen! O, haar lijden is zoo groot! „Want de minste pijn van het vagevuur overtreft de grootste pijn welke men in dit leven kan verdurenquot; (H. Thomas). O Jezus! wees haar barmhartig, en offer de verdiensten van üw kruis en lijden aan Uwen Hemelschen Vader ter harer verlossing op. Geef tevens, lieve Jezus, dat wij onze driften kruisigen, om ua dit leven niet gestraft te worden.

O Maria! offer uwe smarten aan God op voor de geloovige zielen. Amen.

Onze Vader, — Wees gegroet. —

Ontferm U onzer, Heer! enz. (blz. 226)

12e STATIE.

Jezus sterft aan het Kruis

Wij aanbidden U, Christus, en loven U,

Omdat Gy door Uw Kruis de wereld verlost hebt.

Sla uwe oogen hemelwaarts, mijne ziel! Jezus beveelt Zijne ziel aan God, na alles volbracht te hebben, en sterft voor ons zondaars. O, heilige dood! Jezus gaat van het bitterste lijden tot de eeuwige heerlijkheid. O, ware ik eens zoo gelukkig! Kon ik hier in dit leven alles voldoen en uit liefde tot God sterven. De zielen in het vagevuur konden reeds het eeuwig geluk genieten, maar om eenige fouten en zwakheden, waarvoor zij hier niet geboet hebben, moeten zij nu nog lijden. O,

ocr page 256

236

mijne ziel, vermijd daarom ook zelfs de kleinste zonden, en wees steeds ijverig in uwe plichten. Lieve Jezus, wees ons en den zielen in het vagevuur genadig ; gedenk dat Gij voor ons en voor haar geleden hebt en gestorven zijt.

O Maria! gedenk dat Gij onder het Kruis onze Moeder geworden zijt en vergeet de lijdende zielen niet. Amen.

Onze Vader. — Trees gegroet. —

Ontferm U onzer, Heer! enz. (blz. 226.)

13e STATIE.

Het lichaam van Jezus wordt van het Kruis genomen.

Wy aanbidden U, Christus, en loven u,

Omdat Gij door Uw Kruis de wereld verlost hebt.

O Maria, mijne lieve Moeder, Gij ontvangt uwen Zoon Jezus voor de laatste maal in uwen schoot. Neem de doornen met eerbied uit zijn hoofd; besproei zijn lichaam met uwe tranen. Maria, hoe waart Gij toen te moede? Mij dunkt dat mv hart door zeven zwaarden van droefheid doorstoken en door liefde en smart verteerd werd. O Maria! laat mij thans in uwe smarten eu in uwe liefde deelen, en als eens mijne ziel van de wereld zal scheiden, ontvang haar dan in uwen schoot. Maar vergeet ook de geloovige zielen in het vagevuur niet.... Zie, hoe zij lijden ! Laat de tranen, die Gij bij het Kruis vergoten hebt op haar uedervloeien, opdat hare

ocr page 257

237

vlammen gebluscht en zij voor Gods troon gebracht mogen worden, ora Hem daar eeuwig te aansclionwen. Amen.

Onze Vader. — Wees gegroet.—

Ontferm U onzer, Heer ! enz. (blz. 226.)

14e STATIE.

Jezus wordt in het graf gelegd.

Wij aanbidden U, Christus, en loven U,

Omdat Gij door Uw Kruis de wereld verlost hebt.

Mijne ziel, volg dezen droevigen lijkstoet! Jezus, uw God en uw Al wordt begraven. Ook gij zult weldra dezen weg volgen. De geloovige zielen, velen uwer vrienden en bloedverwanten, hebben dit lot reeds ondergaan, hunne lichamen zijn door de wormen verteerd, maar de zielen boeten wellicht hare schulden nog in het vagevuur. Hoe vurig verlangen zij het aanschijn Gods te aanschouwen ! Ik maak een vast voornemen van nu af ijverig te zijn in mijne plichten, opdat ik na mijn dood van de pijnen des vagevuurs verschoond moge blijven. Ik zal nu voor mijne zonden boeten, en uit liefde tot U gaarne alles lijden. Ik smeek U. dierbare Jezus ! zie neder op de geloovige zielen, en verbreek haar boeien, opdat zij met U ten hemel kunnen opstijgen.

O Maria! gedenk de tranen, die Gij bij het graf van Jezus gestort hebt, en heb medelijden met de geloovige zielen. Amen.

Onze Vader — Wees gegroet.

Ontferm U onzer, Heer! enz. (blz. 226.)

ocr page 258

238

SLUITGEBED.

Mijn God, ik dauk U voor de genade welke Gij mij op den Kruisweg verleend hebt; ontvang deze oefening tot verlichting der zielen in het vagevuur en doe de zielen van.... aan de aflaten deelachtig zijn.

O God ! heb medelijden met die lijdende zielen, dio zoo vurig naar Uw bezit verlangen, en zoo hartelijk tot ons verzuchten, opdat wij haar te hulp zouden komen. Barmhartige God ! wees haar genadig! hoe smartelijk is het voor haar dat zij Uw aanschijn niet mogen genieten! De liefde trekt haar tot U, maar Uwe rechtvaardigheid houdt ze terug. U niet bezitten is de grootste dei-straffen, is benauwder dan de doodstrijd. Barmhartige God! ik bid U, heb mededoogen met haar. Zij zijn immers Uwe vrienden. Uwe kinderen, Uwe broeders, voor welke Gij eene plaats in de eeuwige heerlijkheid bereid hebt.

En dan, wat groote en veelvuldige vernederingen, armoede en pijnen heeft Jezus niet voor haar geleden ! Ach ! wees haar om Zijnentwil barmhartig. Gedenk daarbij ook, mijn God! dat zij tempels zijn van den H. Geest, in welke Hij woonde, en dat zij in Zijne liefde gestorven zijn. Vergeef, bid ik U, hare schulden, om de verdiensten van Jezus Christus ; dit zal strekken tot Uwe verheerlijking ; want zij zullen in den Hemel met de Engelen vurig tot Uwen lof zingen: Heilig, heilig, heilig !

Vergeet ook mij niet, mijn God! Gedenk, aan hoeveel gevaren ik ben blootgesteld. Versterk

ocr page 259

239

mij, opdat ik U nimmermeer door eeuige zonde vergramme; want de zonden zijn een gruwel in üwe oogen, en noodzaken U mij te straffen. O God! versterk mij, opdat' ik nauwkeurig de zonden vermijde en alles altijd en alleen doe, om ü te behagen.

O Maria! open de schatkamers uwer barmhartigheid voor ons en voor de zielen in het vagevuur en bid voor ons. Amen.

Zesmaal Onze Vader. — Wees gegroet. — en Glorie enz.

ocr page 260

240

S t a b a t

100 dagen aflaat, telkeus als

Stabat Mater dolorosa Juxta crucem laervmosa, Dum pendebat Filius,

Cuius animam gemeutem Contristatam et doleutem. Pertransivit gladius.

O quam tristis et afflicta, Fuit illa benedicta

Mater Unigeniti.

Qure nuerebat et dolebat Pia Mater, dum videbat Nati poenas inclyti.

Quis est homo, qui nou fleret,

Mater.

men de Stabat Mater bidt. Innocentius XI. I Sept. 1681.

Naast het Kruis, met

schreiende oogen Stond de Moeder, fel

bewogen, Daar heur Zoon te sterven hing.

En haar door het brekend harte,

Jammerend van leed en

smarte. Vlijmend scherp het weezwaard ging.

In wat zieleleed verloren Stond de Moeder uitverkoren

Bij haar eengeboren Zoon!

Hoe ze schreide hoe ze

rouwde. Toen zij. Moeder, 't

Kind aanschouwde Overstelpt van leed en hoon.

Wie zou hier niet mede-weenen,


ocr page 261

241

Matrem Christi si videret Zag hij Christus' Moeder

steenen

In tanto supplicio? Van oudraag'lijk harte-

wee ?

Quis non posset contri- Wie, die hier niet mede-

stari, rouwde

Christi Matrem contem- Als hij Christus' Moeder

plari, schouwde,

Dolentem cum Filio ? Lijdend met haar Liev'-

ling mee ?

Pro peccatis sure gentis, Voor de zondenschuld

der zijnen

Vidit Jesum intormentis. Ziet zij Jezus daar in

pijnen

Et flagellis subditum. Eu met striem op striem

doorwond.

Vidit suum dulcem Xa- Hem, den lust van 't

tum, Moederharte,

Morieudo desolatum. Zag ze alléénig met zijn

smarte

Dum emisit spiritum. Tti den bangen stervensstond.

Eia Mater fons amoris, Geef mij Moeder, bron

van liefde,

Me sentire vim doloris, Meê te voelen, wat U

griefde,

Fac, ut tecum lugeam. Dat ik schrei' van medelij-16

ocr page 262

242

Fac, ut ardeat cor rneum Laat mijn ziele, Iaat

mijn ziuneu

In amando Christum Christus zonder ruste

Deum, minnen,

Ut sibi complaceam. Dat ik Hem gevallig zij.

Sancta Mater istud agas, Heil'ge Moeder, 'k moog

verduren

Crucifixi fige plagas Des Gekruisten lijfkwetsuren,

Cordi meo valide. Grif ze bloedend mij in

't hart.

Tui Nati vulnerati, 'k Wensch de plagen

mêe te dragen Tam dignati pro me pati, Van uw Kind, om mij

verslagen,

Poenas mecum divide. 'k Wensch te proeven

van zijn smart.

Fac me tecum pie Here, Laat ik schreiend mij

vereênen

Crucifixo condolere, Met uw inart'ling, en

beweenen

Donec ego vixero. Den Gekruiste, tot den

dood.

Juxtacrucem tecum stare. Laat bij 't Kruis mij

medewaken.

Et me tibi sociare, Laat mij van uw smarten

smaken

ocr page 263

243

Fac me tecum plangere.

Fac, ut portem Christi

mortem, Passionis fac consortem

Et plagas recolere.

Fac me plagis vulnerari, Fac me cruce inebriari Et cruore Filii.

Flammis ue urar succen-sus,

Per te, Virgo, sim defen-sus

In die judicii.

Christe, cum sitliinc exire,

In planctu desidero. | En uw bitt'ren zielenood! Virgo virginmn prseclara, Maagd der Maagden, uit-Mihi jam non sis amara

Neig genadig mij uw ooren:

Dat ik meêtreure in uw leed.

Laat me in 't harte

Christus' pijnen En zijn stervensweëen

schrijnen, Dat ik nooit zijn smart vergeet'.

Zoek zijn wonden me in

te drukken Laat het kruis mijn ziel

verrukken Met het zoenbloed van uw Zoon.

Opdat mij geen helle dere,

Wees mijn voorspraak

bij den Heere, Als Hij zit ten oordeels-troon.

Laat bij 't afscheid van dit leven,


ocr page 264

244

Da per Matrem me veuire Christus, mij ter glorie

streven,

Ad palmam victorhe. Door Uw Moeder ingeleid.

Quando corpus morietur. Als liet veege lijf zal

sterven,

Fac, ut aniime donetur Laat mijn ziele dan be-

erven

Paradisi gloria. Paradijzes heerlijkheid.

Amen. Amen.

v. Ora pro nobis Virgo dolorosissima, b. Ut digni efficiamur promissionibus Christi.

Oremus.

Interveniat pro nobis, qusesumus Domine, apud tuam sanctissimam clementiam, nunc et in hora mortis nostr;e piissima Virgo Maria, Mater tua: cujns sacratissimain animam in hora benedictae pas-sionis tuee doloris gladius pertransivit, et in gloriosa resurrectione tua ingens gaudium Ifetificavit. v. Vere languores nostros Ipse tulit, r. Et dolores nostros Ipse portavit.

Eespice, qufesumus Domine, super hanc familiam tuam, pro qua Dominus noster Jesus Christus non dubitavit manibus tradi nocentium, et crucis subire tormentum. Per Christum : Amen.

* Door de oefening van den H. Kruisweg verdient men al de aflaten, die door de verschillende Pausen verleend zijn aan lien, die te Jeruzalem de heilige plaatsen bezoeken.

ocr page 265

245

Daarvoor is noodig, dat men liet lyden des Heeren over-wege, en van de eene statie tot de andere zich begeve.

Zieken, gevangenen en in 't algemeen allen, die in de onmogelijkheid zyn, in eene kerk of bidplaats de staties te bezoeken kunnen die aflaten verdienen door veertien maal het Onze Vader, Wees gegroet en daarna vyfmaal het Onze Vader. Wees gegroet en Glorie zij den Vader enz.quot; en ten slotte één Onze Vader tot intentie van den Pans te bidden. Zij moeten alsdan een koperen Kruisbeeld in de hand hebben, daartoe afzonderlijk gewijd. (Clemens XIV, 2ó Januari 1773.) Aan de leden vaii de Broederschap van den Kruisweg is een volle aflaat verleend op het feest der Kruisvinding, den 3 Mei, en van Kruisverheffing, den 14 Sept., of op den daarop volgenden Zondag, onder voorwaarde van Biecht, Communie en Kerkbezoek.

40 dagen aflaat en evenzooveel quadragenen op tien feestdagen in 't jaar naar verkiezing.

Volle aflaat op één Zondag van elke maand en iederen Zondag in de Vasten ; ouder voorwaarde, dat men gebiecht, gecommuniceerd en een kerk bezocht hebbe, en bidde tot intentie van den Paus.

Maandelijks een aflaat van 300 dagen voor 't bijwonen der eerste maandelijksche vergaderingen.

Alle aflaten zijn toevoegelijk aan de geloovige zielen.

Pius IX. 8 Dec. 1867.

ocr page 266

DERDE AFDEEL ING.

CONGREGATIE-OEFENINGEN

TER EERE VAN

JEZUS, MARIA, JOZEF.

ocr page 267

REGELS EX VERORDENINGEN

van de Broederschap der Heilige Familie

JEZUS, MAR IA, JOZEF-

Art. 1. Het doel van de Vereeniging is, de vereering van de Heilige Familie Jezus, Maria, Jozef, die drie personen, welke zoo dierbaar zijn aan het hart van God; en aan de katholieken van eiken ouderdom, van beide geslachten, van iedere roeping eene heilzame gelegenheid te verschaffen, om met zekerheid den weg van het goed en de deugd te bewandelen.

Art. 2. De middelen bij de Vereeniging in gebruik, om het edele en nuttige doel, dat zy zich voorstelt, te bereiken, zjjn: het gebed, de prediking van het woord Gods en het menigvuldig naderen tot de heilige Sacramenten.

Art. 3. De Vereeniging is onder het gezag en onder de bescherming gesteld van den bisschop van het diocees, waar deze is opgericht.

Art. 4. De Vereeniging wordtin het algemeen bestuurd door den tijdelijken Pastoor der Parochie, waar de Broederschap is, of door eenen van hem benoemden Priester.

Art. 5. Zij wordt verdeeld in af deelingen, bestaande uit een zeker getal leden. — Iedere afdeeling wordt onder de bescherming gesteld van een heiligen Patroon. — Aan het hoofd van iedere afdeeling staat een Prefect, door den Bestuurder gekozen. De Prefect heeft eenige plichten te vervullen van liefde en zorg, welke hem worden opgelegd. — Aan den Prefect wordt een Onderprefect toegevoegd, die liefst uit dezelfde afdeeling gekozen wordt; de plicht van deze is den Prefect bij te staan, en hem in geval van afwezigheid te vervangen.

Art 6. De Bestuurder van de Vereeniging kiest daarenboven onder de leden, één of meer Secretarissen, en andere beambten, aan welke de Congregatie behoefte zoude hebben. Hij kan dezelve naar willekeur door anderen doen vervangen.

Art. 7. De Vereeniging van de heilige Familie komt ééns in de week bijeen, 'op den dag door den Bestuurder bepaald. Deze bijeenkomsten worden toegewijd aan het gebed en het aanhooren van het woord Gods en het zingen van godsdienstige gezangen.

Art. 8. Iedere afdeeling moet in de kerk der Vereeniging

ocr page 268

248

do plaats innemen, die haar is aangewezen, en ieder lid van de Congregatie het nummer bewaren van de afdeeling, waarin hy geplaatst is, ten minste voor zoolang de Bestuurder hem geene andere plaats aanwijst.

Art. 9. De leden van de Vereeniging moeten zich wel overtuigen, dat zij allen kinderen zijn ran de Congregatie der heilige Familie, en bygevolg broeders, onder wie de hartelijkste liefde moet heersehen. Dat zij dus weten, dat er geen onderscheid bestaat tusschen de afdeeling, waarin zy geplaatst zyn, want de laatste zyn zooveel als de eersten, en de eerste zooveel als de laatsten.

Deze rangschikking, waaraan men veel gewicht moet hechten, is eene noodzakelijke voorwaarde voor de instandhouding der goede orde in eene talrijke Congregatie, die zonder dit middel niets anders zou zyn dan eene groote verwarring.

Art. 10. De oefeningen van godsvrucht, die gewoonlyk in de bijeenkomsten zullen gedaan worden, zyn: de gebeden tot de heilige Familie; het gebed: Gedenk o goedertierenste Maagd, en: Herinner U. Na de conferentie; het onderzode van geweten ; de geestelijke communie; de aanroeping van de Heilige Patronen des jaars en van de afdeeling. De b\}eenkomsten worden gesloten met het geven van den zegen met het heilig Sacramen t.

Art. 11. Men kan zich van de bijeenkomst niet onthouden, zonder den Pefect, of Ouderprefect der afdeeling er van verwittigd te hebben.

art. 12. Iedere Prefect, vergezeld van zyu Onderprefect, moet ééns in de maand, op den hem aangeduideu dag, aan den Bestuurder rekening geven van de afdeeling, die aan zijn liefderijke zorgen is toevertrouwd. H\j moet hem bekend maken, hoe dikwijls iemand, zonder reden en zonder voorkennis van de byeenkomsten afwezig was. Aan het oordeel van don Bestuurder wordt overgelaten, of leden buiten de Vereeniging moeten gesloten worden. De Sekretarissen vereenigen zich insgelyks met den Bestuurder op een gestelden dag van de week. — Daarenboven vereenigen zich alle beambten der Congregatie viermaal in het jaar, op een bepaald uur van den Zondag, die onmiddellyk op den quatertemper volgt, om zamen te bidden, en om van den Bestuurder ouderrichtingen te ontvangen, die geschikt zijn om den yver van de geheele Congregatie te onderhouden.

Art, 13, Hij die in de Vereeniging met eene bediening belast is, zal, indien hij zijne plichten begrypt, verre van hierin «ene rede te vinden om zicb boven zyne medebroeders te verheffen, integendeel zich meer verplicht gevoelen, om hen door een voorbeeldig leven, maar vooral door een stiptere naleving der regels en verordeningen van do Congregatie, te stichten.

Art, 14, Hy, die zou verlangen in de Congregatie van de heilige Familie opgenomen te worden moet zich door een lid der Vereeniging of door een ander aanbevelenswaardig persoon doen aanbieden aan den Bestuurder, die. na over zyne zeden.

ocr page 269

249

over zyne woonplaats en over zyne betrekking ingelicht te zyn, hem tot den proeftyd zal kunnen toelaten.

Art. 15. Na een proeftyd, die onbepaald zal duren, en afhangen van het goed gedrag, als ook van de vip, waarmede hy, die verzoekt aangenomen te worden, de biieenkomsten bijwoont, zal li\j zijne plechttfje intrede doen in de Broederschap, door het ontvangen der Sacramenten en door de akte van opoffering aan Jezus, Maria. Jozef. Daarna zal hem eene akte van aanstelling als lid van de Broederschap gegeven worden. — Daarenboven krijgt hij het recht om het onderscheidingsteeken te dragen, dat eigen is aan de Broederschap.

Art. 16. De verplichtingen, welke de leden der Vereeniging op zich nemen, zyn verplichtingen geheel van liefde; in het algemeen moeten zy als goede christenen, als voortreffelyke jongelieden, of wel als uitmuntende huisvaders leven. De ge-vaarlyke gezelschappen, het lezen van slechte boeken of dagbladen. de gevaarlyke speelplaatsen en alles wat hen tot zonde zoude kunnen brengen, moeten zy altijd vermijden.

In het byzonder zullen zy iederen dag, behalve het vervullen der plichten van een goed christen nog iederen morgen de werken van den dag aan Jezus Maria, Jozef opofferen, en deze opoffering van tyd tot tyd door den dag vernieuwen: 's avonds moeten zy hun geweten onderzoeken en de geestelijke communie doen.

Art. 17. Als een der leden ziek wordt, moet hy hiervan kennis geven aan den Bestuurder, opdat deze dit doe weten aan de medebroeders, die allen en al tyd in elkanders lijden moeten deel nemen, en slechts één hart en ééne ziel uitmaken, als de eerste geloovigen van het christendom. Men zal hen allen aan de liefde moeten kunnen onderscheiden, en na elkander in het leven bemind hebben, zullen zy elkander ook beminnen kunnen na den dood; want de Vereeniging zal een lykdienst doen verrichten voor ieder lid, dat tot aan den dood aan de verplichtingen der Congregatie zal voldaan hebben.

Art. 18. De heilige Patronen van het jaar worden aan elk lid door het lot toegewezen, in de bijeenkomst, die onmiddelyk den eersten Januari voorafgaat.

Art. 19. Het Feest van den titel der heilige Familie, dat ook het Patroonfeest is van het Aartsbroederschap, is bepaald op den tweeden zondag van Juli. — Op dien feestdag heeft ge-woonlyk plaats de algemeene Communie en de plechtige aanneming der leden van de Vereeniging door akten van opoffering aan Jezus, Maria, Jozef.

Art. 20. De overige feesten van het Aartsbroederschap zijn: De Maandag van Pinksteren, het feest van de oprichting der Congregatie (op dezen dag vernieuwt men plechtig de doopbeloften.) het feest van de Onbevlekte Ontvangenis, de dag waarop de Congregatie van de plaats harer stichting werd overgebracht naar de kerk van Onze Lieve Vrouw, Onbevlekt Ontvangen.

De Zondag na den 7 April, het feest van de kerkelijke oprichting der Vereeniging door Mgr. den Bisschop van Luik, in

ocr page 270

250

het jaar 1845, — de feesten van Kerstmis, — Driekoningen, — de Opdracht van Christus in den tempel, — de vlucht naar Egypte (4den Zondag van April), — Paschen, — Onzes Heèren-Hemelvaart. — Heilig Sacramentsdag, — het Heilig Hart. — den allerheiligsten Verlosser, (3den Zondag van Juli,) — van Kruisverheffing, Maria Geboorte, Hemelvaart en Onze Lieve Vrouw der 7 Smarten (Vrijdag na Passie-Zondag en 3e Zondag van September, — van den heiligen Jozef en der bescherming van den heilige Jozef (3den Zondag na Paschen,) — van den H. Michaël. — van den H. Gabriel, — van de heilige Engelen-Bewaarders, — van den H. Petrus en Paulus, — van den H. Alphonsus Maria do Liguori, — van den H. Caro-lus-Borromeus, van de H. Theresia, — van de heilige Juliana van Carnillon — van Allerheiligen, en Allerzielen.

Ieder lid der Vereeniging behoort met ijver de Maand van Maria te vieren.

Eindelyk is de dag van den heiligen Patroon van het jaar voor ieder lid een feestdag, zoowel als het feest van den Be-seliermheilige der Afdeéling, voor de afdeelingin het algemeen.

Art. 21. De leden zullen op de verschillende feestdagen de oefeningen, bü de Vereeniging in gebruik, verrichten, zonder evenwel verplicht te zyn zich van hun gewoon werk te onthouden ; indien deze feesten op een werkdag vallen, worden zij altijd uitgesteld tot den eerstvolgenden Zondag.

Art. 22. leder lid wiens gedrag berispelijk is, en dat, niettegenstaande de herhaalde vermaningen van den geestelijken Bestuurder, zich niet wil verbeteren, moet buiten de Vereeniging gesloten worden.

Art. 23. Indien andere regelen en verordeningen, in vervolg van tyd, door de ondervinding nuttig of noodzakelijk zullen geoordeeld worden, zullen deze b\j wyze van bijvoegsel in het boek worden aangeteekend, na alvorens de goedkeuring van Z. D. Hoogwaardigheid te hebben erlangd.

De verplichting, welke een Prefekt btf aanvaarding zyner bediening op zich neemt, kan naar den geest der statuten in het volgende worden saamgevat.

lo. De Prefekt wake zorgvuldig op de getrouwe nakoming der regels in zijne afdeeling; hy trachte steeds hare leden daartoe op te wekken door een voorzichtigen en liefdevollen yver.

2o. Hy zorge ook voor de handhaving der eenmaal bepaalde rangschikking en plaatsing van de leden zyner afdeeling. Hy kan zonder uitdrukkelyk verlof van den Bestuurder hierin nimmer eene verandering maken.

3o. Den Prefekt is tevens opgedragen eene nauwkeurige aan-teekening te houden van namen, voornamen, beroep en woonplaatsen der leden zyner afdeeling, en den Bestuurder kennis te geven van de verhuizingen, beroepsveranderingen, enz.

4o. Mede wordt den Prefekt dringend aanbevolen, met de meeste nauwgezetheid, op een daartoe ingerichte lyst aan te teekenen, wie der leden met of zonder voorkennis, waarvan in art. 11, de wekelijksche bijeenkomsten niet heeft bijgewoond,

ocr page 271

251

als ook wie zonder eenige gegronde redenen byna altijd den lijkdienst verzuimt.

5o. Is de onderlinge liefde den Broeders algemeen voorgeschreven, (art. 9) veel meer den Prefekt jegens de leden zijner afdeeling; daarom verzuime hij niet gedurende het jaar hen nu en dan te bezoeken, vooral in ziekte of andere rampen.

60. Wil de Prefekt of Onderprefekt op eene waardige en voor den hemel verdienstvolle wijze zijn ambt waarnemen, dan geve hij aan de leden zyner afdeeling het voorbeeld van een oprecht christelijk en deugdzaam leven, in het büzonder dat eener stipte nakoming van de statuten der Broederschap.

7o. Volgens art. 5 is aan den Onderprefekt opgedragen, zyn Prefekt by te staan en in geval van afwezigheid te vervangen. De Onderprefekt kan dus zonder voorkennis van den Prefekt nooit ambtshalve met de leden zyner afdeeling spreken of ze bezoeken. Evenwel is het den Prefekt zeer aan te raden zijnen medehelper in dc vervulling zijner plichten te doen deelen..

ocr page 272

LIJST DER AFLATEN,

IIERLEEID DOOB ZIJIE lEILISllEID PIUS IX

AAN HET AARTSBROEDERSCHAP VAX DE HEILIGE FAMILIE.

Alsook aan al de Vereenigingen, samengesteld uit geloovigen van leider geslacht, die in bovengenoemde Aartsbroederschap zijn opgenomen.

VOLLE AFLATEN.

lo. Op deu dag, dat de leden hunue afcfe wiw opoffering doeu en opgenomen worden in de Aartsbroederschap, indien zij waarlijk berouwvol hunne zonden biechten en de heilige Communie ontvangen (Regels en Verord. Art. 15).

2o. In het uur des doods, indien zij ten minste rouwmoedig met den mond of, zoo zij dit niet kunnen, met het hart den heiligen Naam Jezus aanroepen.

3o. Op den feestdag van de Allerheiligste Familie vastgesteld op den tweeden Zondag van de maand Juli (Art. 19).

4o. Op Pin les ter-Maandag ■. het instellingsfeest van de Broederschap.

5o. Op den feestdag van de Onbevlekte Ontvangenis (8 December.)

6o. Des Zondags na den 7 April, het feest van de kerkelijke oprichting der Broederschap. lo. Op het feest van Kerstmis.

ocr page 273

253

8o. Op liet feest van Drie-koningen. ((1 Januari.)

9o. Opliet feest van de Opdracht in den Tempel. (2 Februari.)

lOo. De Vlucht naar Egypte, (4de Zondag van April.)

Ho. Op het hoogfeest van Paschen.

12o. Op het feest der Hemelvaart van onzen Heer Jezus Christus.

13o. Op Heilig Sacramentsdag (Donderdag ua het feest van de heilige Drievuldigheid.)

14o. Op het feest van het Heilig Hart van Jezus (Vrijdag na het octaaf van het H. Sacrament.)

15o. Op het feest van den Allerheiligsten Verlosser (4de Zondag van Juli.)

16o. Op Kruisverheffing (14 September.)

17o. Op het feest van de Geboorte van Maria, (8 September.)

18o. Op het feest van Maria's Smarten ( Vrijdags na Passie-zondag).

19o. Op Onze lieve Vrouw van Smarten (3de Zondag van September).

20o. Op het feest der Hemelvaart van Maria (15 Augustus.)

21 o. Op het feest van den heiligen Jozef, (19 Maart.)

(22o. Op het feest der Bescherming van den H. Jozef (3de Zondag na Paschen.)

23o. Op het feest van den heiligen Aartsengel Michaël, (29 September.)

24o. Op het feest van den heiligen Aartsengel Gahriël, (18 Maart.)

ocr page 274

254

25o. Op het feest van de heilige Engelen-Be-icaarclers (lste Zondag vau September.)

26o. Op het feest van de heilige Apostelen Petrus en Paulus (29 Juni.)

27o. Op het feest van de heilige Juliana van Carnillon (5 April.)

28o. Op het feest van Allerheiligen (1 November.)

29o. Op Allerzielendag.

30o. Voor het vieren van de Maand van Maria.

31o. Op den feestdag van den heiligen Patroon van het jaar, voor elk lid, in het bijzonderJ

32o. Op het feest van den heiligen Patroon en Beschermheilige van iedere afdeeling, voor de geheele afdeeling iu het algemeen (Art. 5 en 20.)

AANMERKINGEN.

I. Om de aflaten, hierboven vermeld, te verdienen, wordt er vereischt:

lo. Dat men met ware gevoelens van boetvaardigheid zijne zonden biechte, en communiceere.

2o. Dat men de kerk, of kapel of bidplaats bezoeke, waarin de Broederschap is opgericht, tusschen de eerste vespers van de feestdagen en zonsondergang van den dag; en dat men daar godvruchtig bidde voor de eendracht der christen vorsten, voor de uitroeiing der ketterijen en voor de verheffing van onze Moeder de heilige Kerk.

II. Wanneer deze feesten op eenen werkdag ■ invallen, kan men de aflaten den eerstvolgenden

ocr page 275

255

Zondag verdienen, mits men de twee zoo even gemelde voorwaarden volbreuge (Art. 21.)

III. Al deze volle .aflaten, gelijk ook de gedeeltelijke, die hierna volgen, kunnen aan de ge-loovige zielen in het vagevuur toegevoegd worden.

Gedeeltelijke Aflaten van Honderd dagen.

1. Met de bijeenkomsten der Broederschap bij te wonen.

2. Met eenig ander goed werk te verrichten, bij de Vereeniging in gebruik.

Onder de goede werken, waartoe de leden der Vereeniging zich leenen, zullen wij de volgende aanhalen, door welke men de bovengenoemde gedeeltelijke aflaten kan verdienen.

1. Voor ui de leden der Vereeniging: in het aliremeen.

1. Met eiken morgen de werken van den dag aan Jezus, Mai-ia, Jozef op te dragen (Regels en Ver or d.. Art. 16.)

2. Met 's morgens en 's avonds de 3 Weesgegroeten te bidden, welke de heilige Alphonsus zoo zeer aanbeveelt.

'6. Met 's morgens en 's avonds het Onze Vader en Wees gegroet te bidden, ter eere van den heiligen Patroon des jaars. (Art 18)

4. Met de geestelijke communie te doen(Art. 16)

5. Met 's avonds, alvorens men zich ter ruste begeeft, zijn geweten te onderzoeken. (Ibid.)

ocr page 276

6. Met op de werkdagen bij de heilige Mis tegenwoordig te zijn.

7. Met zieken, armen, gevangenen en hospitalen te bezoeken. (Art. 17).

8. Met den lijkdienst, welke de Broederschap voor de overledenen laat verrichten, bij te wonen. (Ibid.)

9. Met zich bereid te toonen om hen te vergezellen, die zich aanbieden om in de Broederschap te worden opgenomen. (Art. 17)

10. Met de gevaarlijke gezelschappen te vluchten, anderen aan te moedigen om die te vluchten, alsook met het lezen van kwade boeken en dagbladen, gevaarlijke vermaken, bijeenkomsten, enz., te vermijden. (Art. 16)

11. Met vijanden te verzoenen. (Art. 17)

12. Met geduldig de vernederingen, de verachting en de beleedigingen te verdragen, enz. (Ibid.)

13. Met de lichamen der overledenen ter begraafplaats te vergezellen.

14. Met eenig werk van ijver en liefde jegens de Broederschap uit te oefenen.

15. Met zich godvruchtig te vereenigen om lofzangen en geestelijke liederen aan te leeren, enz.

16. Met het Allerheiligste Sacrament te vergezellen, wanneer het aan zieken gebracht of in processie rondgedragen wordt.

17. Met het Allerheiligste Sacrament te bezoeken, bijzonder in de kerken, waar het tijdens het veertig-uren gebed uitgesteld is.

ocr page 277

257

18. Met preeken, octaven of noveueu bij te wonen.

] 9. Met zijn best te doen, om de godslasteringen te helpen uitroeien.

20. Met een armen zondaar van zijn dwaalweg; terug te brengen.

II. Voor de Prefekten, Onderprefekteii, Secretarissen en anderen, die eene bediening' in de Broederseliai) waarnemen.

1. Met de bijzondere bijeenkomsten, waarvan de Eegels Art. 12 spreken, bij te wonen.

2. Met de liefdeplichten, aan hunne bediening verbonden, uit te oefenen.

3. Met de zieken hunner afdeeling te bezoeken.

4. Met de leden hunner afdeeling aan te moedigen, om de heilige Sacramenten te ontvangen op de feestdagen van de Broederschap.

Gegeven te Rome, bij de heilige Maria de Meerdere. onder den Visschersring, den 20 April 1847.

In naam van zijne Eminentie den Kardinaal Lambruschini,

A. Picchioni, Substituut.

17

ocr page 278

NIEUW VERGUNDE AFLATEN

V AX HET AARTSBROEDERSCHAP DER HEILIGE FAMILIE DOOK ZIJNE HEILIGHEID PAUS PILS IX.

Geprivilegieerd Altaar. (1)

Breve: ..Op verzook in bijzonder gehoor, heeft Zijne Heiligheid i'ins IX uitdrukkelijk verklaard, dat hij gaarne de gunst toestond van een dagelijks en eeuwig bevoorrecht altaar onder den titel van de heilige Familie, zóó dat ieder priester die op dit altaar de heilige Mis offert voor de zielen der overledenen van de Vereeniging, hunne verlossing uit het vagevuur kan verkrijgen.quot;

Congr. Ind. 9 Juli, 1850.

1

Een altaar is geprivilegieerd of bevoorrecht, wanneer de volle aflaat, die vergund wordt voor de geloovige zielen, niet aan den priester persoonlijk, maar aan het altaar zelf is gehecht.

ocr page 279

259

PATROONHEILIGEN,

M A XXEXAFDEELIXO.

OE

1.

H.

Domiuicus......

2.

77

Augustinus.....

3.

r

Willibrordus . . . .

4.

v

Thomas van Aquinen

5.

3?

Antonius van Padua .

6.

Carolns Borromeus . .

seft

7.

Petrus en Panlus .

rd,

8.

Alphonsus Mar. do Lig.

ge-

9.

Raijmundus de Pennafort.

tel

10.

„

Joannes de Dooper .

tei-

11.

3?

Mathias, Apost . . .

de

12.

77

Bonifacins.....

me

13.

Franciscus van Assisie .

14.

53

Pins V., Paus ....

15.

Franciscus Xaver. . .

16.

;j

Ludovicus Benrandus .

17.

33

Joachim, Zondag onder '

O.

Octaaf van . Hemelv.

Joannes Nepom. . Antoninus, Bisschop . Bonaventura Gregorins de Groote. Joannes Mart. v. Gorcum

Caecilia.....

Vincentius Ferrerius .

Georgius.....

Laurentius, Mart.

4 Augustus.

28 Augustus. 7 November. 7 Maart.

13 Juni.

4 November.

29 Juni.

2 Augustus. 29 Januari. 24 Juui. 24 Februari.

14 Mei.

4 October.

5 Mei.

4 December. 10 October.

t

L. V.

16 Mei.

10 Mei. 14 Juli.

12 Maart.

9 Juli.

22 November. 5 April.

23 April.

10 Augustus.

18.

19.

20. 21. 22.

23.

24.

25.

26.

ocr page 280

260

27. H. Hyacinthus.....16 Augustus.

28. „ Franciscus van Sales . 23 Januari.

29. „ Petrus, Mart .... 29 Mei.

30. „ Thomas, Apostel . . . 21 December.

31. „ Steplianus.....26 December.

32. Martinus......11 November.

33. „ Nicolaas......6 December.

34. „ Joannes Evang. ... 27 December.

35. „ Vincentius a Paulo . . 19 Juli.

36. „ Joannes de Deo ... 8 Maart.

37. „ Ambrosius, Bisschop . . 27 April.

38. „ Henricus, Koning. . . 15 Juli.

39. „ Leonardus, Mart. v. Gore. 9 Juli.

40. „ Driekoningen. ... 6 Januari.

VKOU WENAFDE ELI XG.

1. H. Anna......26 Juli.

2. „ Kosa van Lima ... 30 Augustus.

3. „ Catharina van Senen . 30 April.

4. „ Clara......12 Augustus.

5. „ Mouica............4 Mei.

6. ,, Johanna van Aza . . 2 Augustus.

7. „ Agnes van M. P. . . 20 April.

8. „ Agatha......5 Februari.

9. „ Scholastica.....10 Februari.

10. „ Rosalia............5 September.

11. „ Birgitta.....8 October.

12. „ Theresia.....15 October.

ocr page 281

261

13.

H.

Ursula......

21

October.

14.

November.

15.

Catharina M.....

25

November.

1(5.

Barbara.....

4

December.

17.

r

December.

18.

Victoria.....

23

December.

19.

7?

Maria Magdalena.

22

Juli.

20.

Dorothea.....

6

Febr.

21,

Geertrudis.....

15

November.

22 en 2o. H. Cecilia (Zangeressen).

22

November.

24.

H.

Martha......

29

Juli.

25.

Apollonia.....

9

Februari.

26.

Helena......

18

Augustus.

27.

r

Liduina......

14

April.

28.

ÏÏ

Philomena.....

11

Augustus.

29.

M

F rancisca.....

9

Maart.

30.

»

Margaretha.....

10

Juni.

31.

??

Juliana......

19

Juni.

32.

Petronella.....

31

Mei.

33.

Joanna Fr. de Ch. . .

21

Augustus.

er.

ocr page 282

262

Jïkte van Toewijding.

^-

JEZUS, MARIA, JOZEF.

Ik............

in dc tegenwoordigheid — van geheel het hemelsch Hof, — kies U op dezen dag — tot mijne Patronen en Beschermers; ik offer U op, — en heilig U plechtig in deze Congregatie toe, — mijn lichaam en mijne ziel, — alles wat ik heb, — en alles wat ik ben; — ik maak het vast besluit — als een goed christen te zullen leven, — om als een uitverkorene te kunnen sterven. — Welk een geluk voor my, — eens uit de armen — van Jezus, Maria, Jozef, — van deze aarde overgebracht te worden — in de armen van den Vader, — den Zoon, — en den Heiligen Geest —in den Hemel, — en dat voor eene eeuwigheid! — Dit hoop ik, — Amen, zoo zij het!

ocr page 283

DE PLECHTIGE OPDRACHT.

gt;'a de Akte van Toewijding: zeirt de eerwaarde Bestuurder.

Et ego, iu Nomine Eu ik, in naam der Sanctissimte Trinitatis et Allerheiligste Drieëen-ex facilitate railii conces- heid en door de mij versa, vos omnes adscribo leende macht, neem u al-Archisodalitati (vel Soda- len aan in de Aartsbroe-litati) Sanctie Familüe derschap (of Broeder-Jesu, Maria', Josepli, iu scliap) der heilige Familie liac nostra Ecclesia ca- Jezus, Maria, Jozof, in nonice erectte, vosque deze onze kerk wettig op-partidptsdeclaroomnium gericht; en verklaar u gratiarum et Indulgentia- deelachtig aan alle guu-rum qure Archisodalitati sten fn aflaten, welke door eiusdem Sanctse Famili® Zijne Heiligheid Paus Leodii in Ecclesia B. M. Pms IX verleend zijn aan V. Iramaculatte, a Sancta dezelfde Aartsbroeder-Sede Apostolica similiter schap der H. Familie te erectile, a snmmo Ponti- Luik, door deu heiligen lice Pio Papa IX cou- Apostolischen Stoel in de cessae simt: Deum ac kerk van de heilige en Dominum nostrum Jesum onbevlekte Maagd Maria Christum enixe depre- insgelijks opgericht; on-caus, ut vos in Sancto zen Heer en God, Jezus Dei servitio contortare, Christus, vurig smeekeu-in pace mutuaque chari- de, dat Hij u iu deu hei-

ocr page 284

264

tate conservare, et per- ligeu dieust vau God ge-severantiam ia lide ope- lieve te sterken, iu ou-ribusque bonis concedere derlingeu vrede eu liefde dignetur. In nomine Pa- te bewaren, en de vol-tris et Filii, f et Spiri- harding in het geloof eu tus Sancti, Amen. in goede werken tever-

leenen. In den naam des Vaders en des Zoons f , en des heiligen Geestes. i Amen.

Gebed bij liet zesrenen der Medailles.

v. Adjutorium nostrum in nomine Domini.

H. Qui fecit coelum et terram.

v. Dominus vobiscum.

a. Et cum spiritu tuo.

Oremus.

Omnipotens sempiterne Deus, qui Sanctorum imagines sculpi aut pingi non reprobas, ut quoties illas oculis corporis intuemur, toties eorum actus et sanctitatem ad imitandum memorife oculis me-ditemur; has qusesumus imagines, in honorem et memoriam Unigeniti Filii tui Domini nostri Jesu Christi, Beatissimfe Virginis ilarife et Beati Jo-sephi adaptatas, bene 7 dicere et sancti 7 ficare digneris, et prsesta: ut quicumque coram illis Unigenitum Filium tuum, Beatissimam Virginem, et gloriosum Joseplmm suppliciter colere, et ho-norare studuerit, illorum meritis et obtentu. a te gratiam in prfesenti, et seternam gloriam ob-

ocr page 285

265

tineat in fnturo. Per eumdem Christum Dominum nostrum. Amen.

Bij liet oinliiinïon der medailles, zegt de eerwaarde Bestuurder.

Aceipe, frater (soror) hoe numisma benedictura, slugulare signum Archisodalitatis SacriB Familise, Jesu, Marife, Joseph, ut ita indutus, (a)sub eorum patrocinio perpetuo vivas.

Benedictio Dei omnipotentis, Patris et Filii f et Spiritus Sancti descendat super vos et maneat semper. Amen.

ocr page 286

2(36

Bij de Opening der Congregatie

Op de gewone dagen.

Aanroeping van den Heiligen Geest.

alles. Kom, Heilige Geest, daal in dit uur (bis.) Ie onze harteu neer; ontsteek ze in liefdevuur.

Komt Gij onze oogen niet verlichten,

a Dan dwaleu wij van 't ware pad,

2 Geen mensch zoo wijs, die niet zou zwichten, (bis.) Als Gij aan zijn verstand uw licht onttrokken

[hadt.

Allen. Kom, Heilige Geest, enz.

De hel alleen kon niet ons hart vermannen: | Zij riep om hulp de list der wereld aan;

2 En meer dan duizend strikken zijn gespan-s [nen; (bis.)

Ach God! help ons, opdat wij niet vergaan. Allen. Kom, Heilige Geest, enz.

Verlicht ons hart door uwer wijsheid stralen, § Dan missen wij het ware welzijn niet:

3 Dan doet geen zondelust ons dwalen,

W Maar volgen wij waar God gebiedt, (bis.) Allen. Kom, Heilige Geest, enz.

ocr page 287

267

Smeeklied tot den H. Geest.

Daal neder, Geest vau licht! ontvonk door Uwe

[stralen

't Goedwillige gemoed van dit vereend gezin! Opdat wij van den weg der waarheid niet verdwalen,

Maar ons vereenigd hart Gods wetten steeds

[beminn'

Bestraal mijn zinnen,

O Geest van licht!

Om God te minnen Uit liefde en plicht.

Daal neder, Geest van licht! verklaar mij wat

[Gods vinger Yan eeuwigheid in 't hart van zijne sclieps'len

[schreef!

Verlicht me, opdat mijn geest iu 't aardsche

[zich niet slinger', Maar aan Gods wet alleen zijn' hulde en

[eerbied geev'. Bestraal mijn zinnen, enz.

Daal ueêr, zoo als voorheen in Sion's bede-zalen, Waar 't vroom Apostel-koor met Jezus' Moe-

[der bad !

Maar neen — wij zijn niet waard den luister

[Uwer stralen .... Één enk'le vonk, o God ! is ons een dierbre schat. Bestraal mijn' zinnen, enz.

ocr page 288

268

Wij vragen U geen licht om wonderen te

[spreken,

Maar in eenvoudigheid te doen wat God ge-

| biedt;

Beveel, o Geest van God, aan al onze gebreken! Wij zijn wel krank en zwak, maar weder-

[spannig niet. Bestraal mijn' zinnen, enz.

Aanroeping van den H. Geest.

Heil'ge Geest! kom laat uw stralen Uit den hemel op ons dalen,

Die der armen Vader zijt; (bis.)

Kom, o Gever aller gaven.

Kom de droeve harten 'aven.

Dat uw heillicht hen verblijd'! (bis.)

Zoete Gast, Vriend onzer zielen, Levensbalsem voor die vielen.

Rust bij 't zwoegen van den dag; (bis.) Kom, o laafbron! 't heete woelen Der ontgloeide drift verkoelen,

Troost in alle weégeklag. (bis.)

Zalig Licht, o, doe uw stralen,

In het diepst des harten dalen.

Van 't geloof in U vervuld; (bis.)

ocr page 289

269

Komt uw kracht ous niet doordringen, Niets dan, in ous, stervelingen,

Niets is zonder schade of schuld, (bis.)

Wil in ons 't onreine wisschen.

Wil 't verdorde in ons verfrisschen, Heelen wat er wond ontving; (his.) Wil wat stug is in ons breken,

quot;t Koude weêr in gloed ontsteken, Leiden wat het spoor ontging, (bis.)

Geef, wie trouw in ü gelooven,

't Zeven gavental van boven.

Dat hen sterke in de deugd; (bis.)

Geef hun haar vergelding te erven.

Geef, o geef een zalig sterven.

Geef hun de eeuw'ge hemelvreugd, (bis.)

ocr page 290

270

Voor de Feestdagen.

Lofzang; Vcni, Creator Spiritus.

Veni Creator Spiritus, Kom, schepper, Geest,

daal in 't gemoed

Mentes tuorum visita; Van die op uv.' genade

wachten,

Imple superna gratia. Vervul het met den overvloed

Qute tu creasti pectora. Van bovenaardsche zie-

lekrachten.

Qui Paracletus diceris, U prijzen wij als wonderbaar,

Donum Dei altissimi, Als Godsgeschenk en

leventeeler,

Fons vivus, ignis, cha- Als liefde en vuur op ritas, 't zielsaltaar.

Et spiritalis unctio. Als zalvend boezemwon-

denheeler.

Tu septiformis munere, Gij, zevenvoudig Godsgeschenk,

Dextrse Dei tu digitus, En vinger van zijn

eeuw'ge sterkte,

Tu rite promissum Patris, Die, op des Vaders al-

machtswenk,

Sermone ditans guttura. In tonggevonkel taalkracht werkte.

Accende lumen sensibus, Ontsteek uw licht ons

in den zin,

Infunde amorem cordi- En vloei uw liefde ons bus, in het harte,

ocr page 291

271

Infirma nostri corporis

Virtute firmans perpeti.

Hostem repellas longhis,

Pacemque dones proti-mis:

Ductore sic te prfevio,

Vitemus omne noxium.

Per te sciamns da Pa-trem,

Noscamus atque Fili-11 m;

Te, utriusque Spiritum.

Credamus oinni tempore.

Sit laus Patri cum Filio,

Sancto simul Paraclito :

Nobisqne mittat Filius

Charisma sancti Spiritus. Amen.

Stort onze zwakheid

krachten in,

Opdat zij moedig 't euvel tarte.

Dan maakt geen vijand

ons bevreesd, Eu mogen wij steeds

vrede smaken;

Daar, in uw hoede, Heiige Geest,

G-een leed ons immer

kan genaken.

Doch geef vooral, dat,

door uw kracht. Wij U en Zoon en Vader tevens Erkennen als de hoogste

macht,

Als einde en aaubegin

des levens.

Zoo zij den eeuw'gen

Vader lof. Den eeuw'gen Zoon, die

door Zijii lijden, Ons plaats bereidde in

't Hemelhof, En U, den eeuw'gen Geest vanbeiden. Amen. Kom, H. Geest vervul de harten uwer geloo-vigen en ontsteek in


ocr page 292

272

v. Eraitte Spiritum tu-um et creabuntur,

b. Et renovabis faciem terne.

Oremus.

Deus, qui corda fide-liurn sancti Spiritus illu-stratione docuisti: da nobis in eodem Spiritu recta sapere, et de ejus semper consolatione gau-dere. Per Christum Do-miuum nostrum. Amen.

lien liet vuur uwer liefde, v. Zend uwen Geest uit en zij zullen geschapen worden, a. En Gij zult het aanschijn der aarde vernieuwen.

Laat ons hidden.

O God! die de harten der geloovigen door de verlichting van den H. Geest hebt onderwezen, geef ous, dat wij in den-zelfden Geest de ware wijsheid bezitten, en ons altijd over zijne vertroosting mogen verblijden. Door Christus onzen Heer.

Amen.


Tot de heillare Patronen van het jaar en van de afdeeling-.

v. -Bidt voor ons, heilige Patronen van onze Congregatie,

B. Opdat wij waardig worden de beloften van Christus.

Laat ons bidden.

ü God, die ons ieder jaar eenigen van Uwe hemelingen tot Patronen schenkt, geef genadig,

ocr page 293

273

dat wij en al ouze naastbestaanden, vrienden en vijanden, door de tusschenkomst der Heiligen, welke wij dit jaar van Uwe goedertierenheid tot Patronen ontvangen hebben, voor het tegenwoordige den bijstand Uwer genade mogen gevoelen, opdat wij, door de hulp van diezelfde genade versterkt, de deugden mogen beoefenen, welke zij ons, door hunne voorbeelden, geleerd hebben.

Wij smeeken U, Heer, dat al Uwe Heiligen ons overal bijstaan, opdat wij hunne voorbede mogen gevoelen, terwijl wij hunne verdiensten vereereu. Door Jezus Christus, onzen Heer. Amen. v. Heilige Patronen van onze Congregatie, r. Bidt voor ons.

Gebeden tot de H. Familie.

Jezus, Maria, Jozef, voor altijd gezegende namen van den Vader, van de Moeder en van het Kind, welke de Familie uitmaken; die door de taal van al de eeuwen de Heilige Familie genoemd wordt; waardige voorwerpen van onzen eeredienst en onze liefde; afbeeldsel van de aanbiddelijke Drievuldigheid op aarde; nieuwe Bruidegom, nieuwe Bruid, nieuw Kind, die de. familie, welke vóór het christendom vervallen was, hersteld hebt, wij nemen onze toevlucht tot U. Allen. Wij nemen allen onze toevlucht tot U. Jezus, Maria, Jozef, wij nemen allen onze toevlucht tot U.

18

ocr page 294

274

Heilige Familie, afbeeldsel van de aanbiddelijke Drievuldigheid op aarde; wier zuivere verbintenis voorbereid werd door eene onsclmldigt en deugdzame jeugd, Gij die werdt beproefd door de grootste wederwaardigheid, beproefd op uwe reis naar Bethlehem, van iedereen verstooten en genoodzaakt in een stal te gaan vernachten, wij nemen onze toevlucht tot U.

Allen. Wij nemen allen onze toevlucht tot U, Jezus, Maria, Jozef, ivij nemen allen onze toevlucht tot U.

Heilige Familie, begroet door het gezang der Engelen, bezocht door arme Herders, vereerd door de drie Koningen, hooggeprezen door den heiligen grijsaard Simeon, wij nemen onze toevlucht tot U.

Allen. Wij nemen allen onze toevlucht tot U, Jezus, Maria, Jozef, wij nemen allen onze toevlucht tot TI.

Heilige Familie, vervolgd en naar een vreemd land verbannen, verborgen en onbekend te Nazareth, zeer getrouw aan de wet des Heeren, voorbeeld van de Christelijke familie, waarin vrede en eendracht heerschen, wij nemen onze toevlucht tot U.

Alles, Wij nemen allen onze toevlucht tot TI, Jezus, Maria, Jozef, wij nemen allen onze toevlucht tot U.

Heilige Familie, waarvan het Hoofd een voorbeeld is van vaderlijke waakzaamheid, waarvan

ocr page 295

275

de Bruid een voorbeeld is van moederlijke zorgvuldigheid, waarvan het Kind een voorbeeld is van gehoorzaamheid en kinderlijke liefde, wij nemen onze toevlucht tot ü.

Allex. Wij nemen allen onze toevlucht tot U, Jezus, Maria, Jozef, icij nemen allen onze toevlucht tot U.

Heilige Familie, die een arm. werkzaam en boetvaardig leven hebt geleid, die Uw brood hebt gewonnen in het zweet Uws aanschijns; arm in aardsche, maar rijk in hemelsche goederen, versmaad bij de menschen, maar groot in de oogen van God, wij nemen onze toevlucht tot U.

Allen. Wij nemen allen onze toevlucht tot TI, Jezus, Maria, Jozef, wij nemen allen onze toevlucht tot IJ.

Heilige Familie, onze steun gedurende het leven en onze hoop in het uur des doods. Patrones en Beschermster van onze vergadering, wij nemen onze toevlucht tot U.

Allen. Wij nemen allen onze toevlucht tot U, Jezus, Maria, Jozef, ivij nemen allen onze toevlucht tot U.

Allen. Jezus, Maria, Jozef, verlicht ons, helpt ons, redt ons. Amen.

(Jebed.

God van goedheid en barmhartigheid, die ü gewaardigd hebt ons te roepen tot deze god-

ocr page 296

276

vruchtige Vergadering van de heilige Familie, verleen ons de genade van Jezus, Maria en Jozef altijd te vereeren en na te volgen, opdat wij na hnn aangenaam geweest te zijn op aarde, hnnne tegenwoordigheid mogen genieten in den hemel. Door denzelfden Christus, onzen Heer. Amen.

Aan allen, die bovenstaande gebeden godvruchtig bidden, verleenen wij hij dezen veertig dagen aflaat.

7 H. van de Wetering,

Aartsbisschop van Utrecht. f Casper, Bisschop van Haarlem. j P. Leyten, Bisschop van Breda. f Fr. A. H. Boermans,

Bisschop van Roermond. 7 W. van pe Ven,

Bisschop van 's-Hertogenbosch.

Laten wij bidden.

God van goedheid en barmhartigheid, die U gewaardigd hebt ons te roepen tot deze godvruchtige Vergadering van de Heilige Familie, verleen ons de genade van Jezus, Maria en Jozef, altijd te vereeren en na te volgen, opdat wij, na hun aangenaam geweest te zijn op aarde, hunne tegenwoordigheid mogen genieten in den hemel: door denzelfden Jezus Christus, onzen Heer. Amen.

Memorare van de H. Maayd.

Gedenk, o goedertierenste Maagd, dat het nooit gehoord is, dat iemand, die tot ü zijne toevlucht

ocr page 297

277

nam, uwen tijstand verzocht of uwe voorspraak inriep, door U is verlaten geworden. Bemoedigd door dit vertrouwen, snel ik tot ü, o Maagd der Maagden, en zuchtende onder het gewicht mijner zonden, werp ik mij rouwmoedig voor uwe voeten neder. O Moeder des eeuwigen Woords, versmaad mijne gebeden niet, maar neem die gunstig aan en gewaardig U die te verhooren. Amen.

300 dagen aflaat telkens. Een volle aflaat eenmaal in de maand, als men onder de gewone voorwaarden dit gebed eenmaal daags verricht. Pins IX, 25 Juli 1846.

Memorare van den H. Jozef.

Herinner U, o beste, beminnelijkste, zoetste en barmhartigste Vader, heilige Jozef, dat de groote heilige Theresia verzekert, dat zij nooit hare toevlucht tot uwe bescherming genomen heeft, zonder verhoord te zijn. Aangemoedigd door dit betrouwen, o mijn zeer beminde heilige Jozef, kom ik en neem ik tot U mijne toevlucht; en zuchtende onder het zwaar gewicht van mijne menigvuldige zonden, werp ik mij voor uwe voeten neder. O allermeedoogendste Vader! verwerp mijne arme en zwakke gebeden uiet, maar aanhoor die gunstig en gewaardig U ze te verhooren. Amen.

Eén Wees gegroet om de genade te verkrijgen, vrucht te trekken uit de Conferentie.

DE CONFERENTIE.

Onderzoek van geweten.

Onderzoeken wij ons geweten, om do fouten te kennen, welke wij gedurende dezen dag bedreven

ocr page 298

278

hebben, en vragen wij er, uit den grond van ons hart, aan God vergifEenis over.

Akte van Berouw.

O God van oneindige barmhartigheid, uit den grond onzes harten beweenen wij de zonden, die wij dezen dag en in ons vorig leven bedreven hebben. Ook is het ons innig leed, dat wij zoo vele gelegenheden, om in uwe liefde te vorderen nutteloos hebben laten voorbijgaan. Dit alles is ons leed, o God! niet zoozeer uit vrees voor de straf, maar uit liefde tot TJ, omdat wij ü, de opperste Goedheid beleedigd, en ons jegens U ondankbaar getoond hebben ; dan, voortaan zullen wij ü getrouw blijven. Geef ons hiertoe uwe heilige genade. Door Jezus Christus onzen Heer. Amen.

Aanroeping' van Jezus, Maria, Jozef.

Jezus, Maria, Jozef, ik geef U mijn hart en mijne ziel.

Jezus, Maria, Jozef, sta mij bij in mijn doodstrijd.

Jezus, Maria, Jozef, geeft dat ik in Uw gezelschap in vrede sterve.

(300 dagen aflaat voor iederen koer. Deze aflaat kan men aan de geloovige zielen toevoegen. Pius VII. 1807.)

Geestelijke Communie.

Kom, Heer Jezus, ik bemin TJ, ik verlang naar U, kom in mijn hart; ik bind mij aan U, ik vereenig mij met U, scheid U nooit van mij af

ocr page 299

279

Gebed voor de overledene ledeu.

Ü God, schenker der vergiffenis en minnaar van de zaligheid der inenschen, wij smeeken Uwe barmhartigheid, geef aan onze overledene broeders (zusters) der congregatie dat zij door de voorspraak van de H. Maagd Maria en den H. Jozef, met al uwe Heiligen, tot de gemeenschap der eeuwige zaligheid mogen geraken. Door Jezus Christus onzen Heer. Amen.

Gebed voor de zieken.

Almachtige, eeuwige God, altijddurende zaligheid der geloovigen; wij smeeken ü om den bijstand uwer barmhartigheid voor de zieken onzer congregatie. Verhoor onze gebeden, opdat zij in de gezondheid hersteld, U en de H. Kerk hunne dankbaarheid mogen bewijzen. Door Christus onzen Heer. Amen.

5 Weesgegroeten volgens de afgekondigde intenties.

Ps. 112.

Laudate pueri Dominum, laudate nomen Do-mini.

Sit nomen Domini benedictum, — ex hoc nunc et usque in sajculum.

Laudate pueri, etc.

A solis ortu usque ad occasum, —- laudabile nomen Domini.

Laudate pueri, etc.

Excelsus super omnes gentes Dominus, — et super coelos gloria ejus.

Laudate pueri, etc.

ocr page 300

280

Quis sicut Dominus Deus noster, qui iu altis habitat, — et humilia respicit in ccelo et iu terra y Laudate pneri, etc.

Snscitans a terra inopem, — et de stercore erigens pauperem.

Laudate pueri, etc.

Ut collocet eum cum priucipibus, — cum priu-cipibus populi sui.

Laudate pueri, etc.

Qui liabitare facit sterilem in domo, — matrem filiorum Isetantem.

Gloria Patri, etc.

Vóór den Zegen met het Heilig- Sacrament.

Tantum ergo Sacramen- Genitori Geuitoque

tum Lans et jubilatio, Veneremur cernui; Salus, honor, virtus quo-

Et antiquum documentum que

Novo cedat ritui; Sit et benedictio ;

Pnestet lides supplemen- Procedenti ab ntroque

tum Compar sit laudatio. Sensuum defectui. Amen.

v. Panem de coïlo praestitisti eis,

b. Omne delectamentum iu se habentem.

Oremus.

Deus qui nobis sub Sacramento mirabili passionis tuse memo-riam reliquisti; tril)ue qufesumus; ita nos Corporis et Sanguinis tui sacra mysteria venenari, ut redemptionis tuae fmctum in nobis jugitcr sentiamus. Qui vivis.....

ocr page 301

281

Adoremus in aeternuin Sanctissiiuuni Sacrainentum.

I's. 11«.

Laudate Dominum omnes gentes — laudate eum omnes popnli.

Quoniam confirmata est super nos misericordia ejus — et Veritas Domiui manet in feternum.

Gloria Patri, etc.

Akte van toewijding- Tan een christelijk hnisg'ezin aan de H. Familie.

(Uitgegeven op last van Z. H. Leo XIII.,)

O Jezus, onze allerbeminnelijkste Verlosser, die van den hemel gezonden zijt om de wereld door leer en voorbeeld te verlichten, die het grootste gedeelte van Uw sterfelijk leven in het nederig huisje van Nazareth hebt doorgebracht en door Uw onderdanigheid aan Maria en Jozef dat huisgezin geheiligd hebt, tot voorbeeld voor alle christelijke familiën, — neem dit ons huisgezin, hetwelk zich thans geheel aan U toewijdt, genadig aan. Bescherm en bewaar het; bevestig daarin een heilige vreeze voor ü, met den vrede en de eendracht der christelijke liefde, opdat het gelijkvormig worde aan het goddelijk voorbeeld van Uwe Familie, en aldus alle leden deelachtig worden aan de eeuwige gelukzaligheid.

O liefderijkste Moeder vau Jezus Christus en ook onze Moeder, Maria, bewerk door uwe liefde en goedertierenheid, dat Jezus deze toewijding aanneine en ons zijne weldaden en zegeningen sclienke.

ocr page 302

282

O Jozef, heilige Berschermer van Jezus en Maria, kom ons in alle behoeften naar ziel en lichaam door Uwe gebeden te hulp, opdat wij tegelijk met ü en met de allerheiligste Maagd Maria, eeuwigen lof en dank mogen brengen aan onzen Verlosser, Jezus Christus.

Giebed, hetwelk men dadelijks verrichten kan voor een afbeelding- der H. Familie,

(uitgegeven op last van Z. H. Leo XIII.)

O liefdevolle Jezus, die door de onuitsprekelijke deugden en voorbeelden van uw huiselijk leven, het door U uitverkoren gezin op aarde hebt geheiligd, zie genadig neder op ons huisgezin dat zich aan Uwe voeten werpt, en biddend Uwe genade afsmeekt. Gedenk, dat dit gezin U thans toebehoort, omdat het zich aan U door eene bijzondere toewijding heeft opgedragen en weggeschonken. Bescherm het genadig, red het uit de gevaren, hel]) het in de nooden en schenk het kracht, opdat het volharde in de navolging van Uwe heilige Familie, en eenmaal, na getrouw te zijn gebleven in den tijd van dit aardsche leven, in gehoorzaamheid aan U, en in liefde voor U, in den hemel U eeuwig lofzinge.

O Maria, allerzoetste Moeder, wij smeeken U om uwe bescherming, vast vertrouwende, dat uw eeniggeboren Goddelijke Zoon uwe bede zal ver-hooren.

En ook Gij, glorievolle Patriarch, heilige Jozef

ocr page 303

283

kom ons met uwen machtigen bijstand te hulp en leg onze beloften in de handen van Maria, opdat Zij ze Jezus Christus aanbiede.

Een aflaat van 300 dagen kan dagelijks eenmaal verdiend worden door al degenen, die zich aan de heilige Familie toewijden naar het formulier door de Congregatie der Riten uitgegeven, Leo P. XIII.

Jezus, Maria, Jozef, verlicht ons, helpt ons, maakt ons zalig. Amen.

200 dagen aflaat. — Leo P. XlII.

ocr page 304

284

AKTE VAN TOEWIJDING

AAN

het Allerheiligst Hart ïan Jezus.

Allerzoetste Jezus, Verlosser van het menschelijk geslacht, zie neder op ons, die voor Uw altaar in diepen ootmoed liggen neergeknield. De uwen zijn wij, de uwen willen wij zijn; maar om des te vaster aan u verbonden te kunuen zijn, daarom wijdt ieder onzer zich heden vrijvvilling aan Uw Allerheiligst Hart toe. — U hebben wel is waar vele menschen nooit gekend; U hebben velen, door verachting uwer geboden, verstoeten. Ontferm U over beiden, o liefdevolle Jezus en trek allen tot Uw Heilig Hart. Wees Gij Koning, o Heer, en niet enkel van de getrouwen, die nimmer van U zijn afgeweken, maar ook van de verloren zonen, die U verlaten hebben: maak hen zóó, dat zij spoedig tot het vaderhuis terugkeeren, om niet van ellende en honger te vergaan. Wees Gij Koning van hen, die of door dwaalgeloof bedrogen, of door oneenigheid afgescheiden blijven, en roep hen tot de haven der waarheid en tot de eenheid des geloofs terug, opdat het spoedig worde één schaapstal en één herder. Wees Gij Koning eindelijk van al degenen, die in het oude heidensche bijgeloof verkeeren, en weiger niet hen van de duisternis op te eischen voor het licht en het Koninkrijk Gods. Verleen, o Heer, aan Uwe Kerk, de veilige en ongeschonden vrijheid; verleen aan alle volkeren de rust der orde; maak

ocr page 305

285

dat over heel de aarde één stem weerklinke: Lof zij aan het Goddelijk Hart, door hetwelk ons het heil verworven is, aan Hem zij de heerlijkheid en de eer in eeuwigheid. Amen.

Deze toewijdig, kan men zeer geschikt lidden achter de litanie ter eere van het H. Hart van Jezus, hl. 55, aan ivelke litanie een aflaat van 300 dagen verleend is.

Leo xiii.

ocr page 306

286

BROEDERSCHAP VAN DEN H. ROZENKRANS.

Oorsprong- der Broederschap,.

De H. Dominicns, insteller van den Rozenkrans, richtte, onder den naam van Broederschap, een vereeniging op van geloovigen, die zich te zamen verbinden om de H. Maagd te vereeren en aan te roepen door het bidden van den Rozenkrans en de overweging zijner Geheimen, en door de beoefening der deugden, die daarin geleerd worden.

Voorwaarden.

Om lid dezer Broederschap te werden is het noodig dat men zich door een Pater Dominikaan, of een Priester, daartoe door de Dominikaner-orde gevolmachtigd, in de registers der Broederschap laat inschrijven.

Verplichting-en.

Ieder lid moet elke week een geheelen Rozenkrans van 15 tientjes, of driemaal een Rozenkrans van 5 tientjes bidden, en daarbij, naar zijn vermogen, de Geheimen van den Rozenkrans overwegen.

Men kan ook op verschillende dagen den Rozenkrans bij gedeelten bidden, als men slechts zorgt 15 tientjes in den loop der week te voleinden. De verplichtingen verbinden niet op zonde, maar zijn een vereischte om aan de voordeelen der Broederschap deelachtig te worden.

Voordeden en Aflaten.

De leden der Broederschap, die hun verplich-

ocr page 307

287

tingen volbrengen, deelen, bij hun leven en na den dood, in de verdiensten van alle H.H. Missen, gebeden, boetplegingen en goede werken van de geheele Orde der Predikkeeren.

Bovendien hebben zeer veel Pausen de Rozen-kransbroederschap met een scliat van aflaten verrijkt. Eenige der voornaamste voor de leden zijn, mits zij gebiecht en gecommuniceerd hebben en bidden tot intentie van Z. H. den Paus; een Volle aflaat: le. Op den dag hunner inschrijving. 2e. Op den eersten Zondag der maand, indien zij de kapel van den Rozenkrans bezoeken. 3e. In het uur des doods.

4e. a. Op de feestdagen O. H: Paschen, Hemelvaart, Pinksteren en op twee Vrijdagen in de Vasten naar verkiezing.

l. Op de feestdagen der H. Maagd: Onbevlekte Ontvangenis, Lichtmis, Boodschap, Visitatie, Ten hemel Opneming, Geboorte en Praesentatie, indien zij de Rozenkranskapel, een andere kerk of openbare bidplaats bezoeken.

5e. Op den 3en Zondag van April, H. Sacramentsdag, 't Patroonfeest der kerk, en op den Zondag onder het octaaf van Maria Geboorte; indien zij het Altaar van den Rozenkrans bezoeken en daar bidden tot intentie der Pausen, die dezen aflaat verleend hebben.

6e. Op de feestdagen der Geheimen van den Rozenkrans, indien zij de kapel van den Rozenkrans bezoeken.

7e. Indien zij den geheelen Rozenkrans bidden

ocr page 308

288

verdienen zij alle aflaten, die in Spanje verleend worden aan hen, die de Kroon der H. Maagd bidden. (Onder die aflaten is ten minste één volle aflaat begrepen.)

8e Op den eersten Zondag van October: Eozen-kransfeest. Al wie na het ontvangen der H. Sacramenten, de kapel van den Rozenkrans bezoekt, van de le. Vespers af tot zonsondergang op den Feestdag zeiven, en daar bidt tot intentie van Z. H. den Paus, kan, zoo dikwijls hij dit verricht, telkens een vollen aflaat verdienen.

Deze aflaat is gegeven voor alle geloovigen, ook voor hen, die geen lid zijn der Broederschap.

Nota. lo. Alle leden, die ziek zijn, kunnen aan alle aflaten, ook zonder kerkbezoek, deelachtig worden, mits zij de overige voorwaarden, waartoe zij in staat zijn, volbrengen.

Xota. 2o. Alle leden, die in een college, seminarie of godsdienstig gesticht leven, kunnen alle aflaten der Broederschap van den Rozenkrans verdienen, zoo zij hun eigen kapel of bidplaats bezoeken.

Xota. 3o. Wanneer voor den aflaat als ver-eischte wordt gesteld: het bezoek der kapel van den Rozenkrans, kan men in Nederland op die plaatsen, waar zulke kapel niet is, volstaan met het bezoek der kerk, waar de Broederschap kanoniek is opgericht.

Gedeeltelijke Aflaten.

le. Vijf jaren en vijf quadragenen voor het godvruchtig uitspreken van den Z. N. Jezus op het einde van het „Wees gegroetquot;.

ocr page 309

289

2e. 100 dagen voor ieder Onze Vader en ieder Wees gegroet, (Hiervoor is noodig, dat de Eozenkrans door een Pater Dominikaan of een Priester, door de Dominikanerorde geinaclitigd, gewijd is.)

3e. Eenmaal daags 10 jaren en 10 quadra-genen voor het bidden van liet Eozenlioedje.

4e. Eenmaal daags 100 jaren en 100 qnadra-genen voor diegenen, die ter eere van de H. Maagd den Eozenkrans bij zich dragen.

Geheimeu van den Kozenkraus.

De Boodschap des Engels.

Het Bezoek bij Elisabeth.

De Geboorte van Christus.

De Opdracht van Christus.

De Wedervinding van Christus.

De Doodstrijd van Christus.

De Geeseling.

De Kroning met doornen.

De Kruisdraging.

De Kruisiging.

De Verrijzenis.

De Hemelvaart van Christus.

De Nederdaling van den H. Geest.

De Hemelvaart van Maria.

De Kroning van Maria.

19

ocr page 310

290

8ENEDICTI0 ROSARIORUM.

v. Adjutorium nostrum, amp;c.

v. Doiniue exaudi, amp;c.

v. Domiuus vobiscum, amp;c.

Oremus.

Omuipoteus, amp; misericors Deus, qui propter eximiam cliaritatem tuam, qua dilexisi uos Filium tuuiu uuigenitum Dominum nostrum Jesum Christum de cielis in terrain descendere, amp; de Bea-tissiiiife Yirginis Maiire Dominee nostrre utero sacratissimo, Angelo uunciaiite, carnem suscipere, crucemque, ac mortem subire, amp; tertia die glo-riose a mortuis resurgere voluisti, ut nos eriperes de potestate diaboli: obsecramus immensam cle-mentiam tuam, ut h?ec sigua Eosarii in honorem, amp; laudem ejusdem Genitricis Filii tui ab Ecclesia tua fideli dicata, bene f dicas, amp; sancti f lices, eisque tantam infundas virtutem Spiritus Saucti, ut quicumque horum quodlibet secum portaverit, atque in domo sua reverenter tenuerit, amp; in eis ad te secundum ejusdem sanctie Societatis insti-tuta, divina contemplando mysteria devote oraverit, salnbri, amp; perseveranti devotione abundet, sitqne consors, amp; particeps omnium gratiarum, privile-giorum, amp; iudulgentiarum, quae eidem Societati per sanctam Sedem Apostolicam concessa fuerunt; ab omni hoste visibili, amp; invisibili semper, amp; ubique in hoc saeculo liberetur: amp; in exitu suo ab ipsa Beatissima Virgine Maria Dei Genitrice tibi plenus bonis operibus prsesentari mereatur. Per eumdem Dominum. Aspergantur aqua benedicta.

ocr page 311

GEZANGEN.

ocr page 312
ocr page 313

Lofzangvan den H. BernardustotJezus.(1)

(Jesu dulgis memoria.)

Aau Jezus denkeu is geneuclit,

Die 't hart vervuld van zuiv're vreugd;

Docli meer dan honingzoetheid heeft Hij, die in Jezus' bijzijn leeft.

Daar ruischt geen reiner zangakkoord,

Nooit werd er blijder klank gehoord,

Geen denkbeeld baart zoo zoet genot Als Jezus waarlijk Zoon van God.

O Hoop van 't hart dat rouwvol schreit,

Voor hem, die bidt, vol teederheid,

Zoo vadergoed voor 't zoekend kind,

Maar wat voor die ü, Jezus, vindt?

O Jezus, zalving voor 't gemoed.

Des geestes bronaar, licht en gloed,

Gij streeft de hoogste vreugd voorbij, Hoe hoog gestemd 't verlangen zij.

Nooit geeft een menselientong het weêr,

Geen gouden letter schrijft het neêr.

Slechts hij, die 't ondervind, ontwaart, quot;Wat zoetheid Hem te minnen baart.

1

Dczo keurige vertolking, danken wij der welwillendheid van den WelEerw. Heer Vorkotter en des |heeren Bckker, uitgever. Beiden zijn wij erkentelijk voor de bereidwilligheid, waarmede zij hun eigendom ons afstonden.

ocr page 314

294

'k Zoek Jezus op miju legersteê,

Draag Hem alleen iu 't hart daar meê, In de eenzaamheid en 't vol gewoel, Hem zoekt mijn liefde als eenig doel.

'k Zal zoeken in den morgenstond

Of 'k met Maria in 't graf Hem vond, Weeklagend dan van liefdesmart,

Zoekt, waar het oog Hem mist, miju hart.

'k Besproei den grafzerk met geween,

Mijn zucht klaagt door de lijkgrot heen; Dan val ik aan uw voeteu, Heer!

In vaste omhelzing blijvend neêr.

O Jezus, Koning wonderbaar,

Eoemruchtig Eij ksveroveraar,

O zoetheid, onuitspreek'lijk rijk,

't Is al iu U beminnelijk.

Blijf met ons Heer, o Jezus geef

Dat ons uw stralend licht omzweev'. Verdrijf den nacht, die ons omhult.

Dat de aard' van zoetheid word' vervuld.

Als Ge in de ziel uw woontent sticht,

Rijst haar der waarheid heerlijk licht, Vervliegt al 's werelds ijdel goed,

Eu brandt in ons de liefdegloed.

ocr page 315

295

Die allerzoetste liefde ze is Een artsenij vol lafenis,

En duizendwerf meer dankensvvaard,

Dan 's menschen diepste woord verklaart.

Hiervan getuigt zijn bitt're dood,

En 't Bloed, dat Hij voor ons vergoot,

Dat eerst verlost van zondesclmld.

Dan 't heerlijk aanschijn Gods onthult.

O, kent dan allen Jezus zoet !

Vraag- biddend Hem zijn liefdegloed;

Zoekt Hem — en nogmaals, onvermoeid. Tot zoekend nog uw hart ontgloeit.

Mint Jezus, die u zoo bemint;

Dat liefde wederliefde vind' !

Kiest 't geurend voetspoor van uw Heer, Geeft offer Hem voor offer weêr.

Uit Hem kwam milde ontferming voort, Hij, hoop der blijdschap, nooit gestoord;

De bron van kracht en zaal'ge rust. Der ziele reinste levenslust.

Vervul, o Jezus, mijn gemoed Van uwer zoetheid overvloed;

Laat door uw tegenwoordigheid Mij toch uw glorie zijn bereid !

ocr page 316

296

Schoon, Jezus, U mijn woord en lied Niet waardig prijz', toch zwijg ik niet;

De liefde dwingt mij tot den strijd,

Wijl Gij alleen mijn wellust zijt.

Want Jezus! ü te minnen is

Mijn geest een dierb're vreugdediscli.

Die spijzend zonder walging voedt, En immer meer verlangen doet.

Zij, die LT smaken, hong'ren weêr, Zij drinken U, en dorsten meer;

Geen wensch, geen zucht hun hart ontschiet, Is 't Jezus en zijn liefde niet!

O, wien die liefde dronken maakt,

Hij weet, hoe lieflijk Jezus smaakt,

Hoe zalig, die van Hem vervuld.

Geen hooger heilgenot meer duldt.

Gij Jezus zijt der eng'lenkroon,

In :t oor een blijde jubeltoon.

Den mond een spijs, die honing tart. Een heineldronk voor 't dorstend hart.

Mijn ziel zucht duizendmalen: Och!

Mijn Jezus, wanneer komt Gij toch?

Wanneer rijst mij de vreugdedag.

Dat 'k U geheel genieten mag?

ocr page 317

297

Uw altijd braudend liefdevuur

Doet mij verkwijnen uur aan uur,

En toch, o vrucht van eed'le gaard, Die duurzaam 't leven mij bewaart!

De rijkdom uwer teederheid,

Een wond're vreugd door 't hart verspreidt

O Goedheid, nooit geheel doorgrond. Uw liefde heeft mijn ziel gewond.

't Is mij dan goed, dat 'k Jezus minn'

Geen and're lust mijn ziel verwinn',

Dat al liet mijne mij begeev'

En ik alleen in Jezus leef !

O Jezus, zoete hoop en vrucht.

Naar wien mijn ziel verlangend zucht,

U zoeken liefdeklacht en traan.

Uit 't diepst des harten opgegaan.

Waar ik ter wereld ook mocht zijn, 'k Verlang slechts U, o Jezus mijn !

Wen ik U vind, wat vreugdeschat, Wat zaligheid, als 'k U omvat!

Omhelzing dan en kussen zoet.

Waar honigzeem voor wijken moet.

Dan Christus' zaal'geud zielsverbond Een wijle slechts, een lutt'le stond!

ocr page 318

298

Dan zie ik, wat ik heb gezocht,

'k Omarm wat 'k slechts verlangen mocht.

Bezwijmend in dien zoeten-baud,

Ontgloeit mijn hart in liefdebrand.

Waar zóó de. ziel zich Hem verlooft.

Wordt liefdes-vuur nooit uitgedoofd.

Het kwijnt noch sterft! neen, steeds gevoed. Vlamt 't op met immer feller gloed.

Bestendig blaakt die liefde voort.

Baart zoetheid boven alle woord,

Eu deelt, gesmaakt in heil'gen vree. Een reinen hemelwellust mee.

Die liefde, van omhoog verleend,

Dringt mij tot in het diepst gebeent,

Ontsteekt mijn hart in laaien gloed.

Verrukt den geest in overvloed!

O heilig vuur, o zaal'ge brand, O hartezucht naar 't Vaderland,

O zielvertroostend heilgenot,

Te minnen Jezus, Zoon van God!

O Jezus, bloem der Moeder-Maagd,

Wien onze liefde in 't harte draagt,

U is en lof en eer bereid

En heerschappij ter zaligheid!

ocr page 319

29-9

O kom. mijn dierb're Koning neêr; Gij gloriebron ia 's Hemels sfeer,

Bestraal, zoo lang' door de aard verwacht lief helder licht des geestes nacht.

Uw glans bcschaarat den zonneschijn, Uw geur èn balsem èn jasmijn,

Gij boven alle zoetheid zoet,

Bemin'lijk boven alle goed.

Die eens gesmaakt, de zielen trekt.

Wiens geur ten nieuwen leven wekt,

In wiens beschouwing ik bezwijk.

Hij maakt het minnend harte rijk.

Gij zijt des geestes hoogste lust,

In U vindt alle liefde rust;

Mijn held, mijn roem, dien ik luid verkond, Verlosser van het wereldrond.

O keer tot mij, Geliefde! Heer,

Genoot in de oppermacht en eer.

Uw roemrijk zegevierend Kruis,

Schonk U de kroon in ?t Vaderhuis.

En waar Gij gaat, 'k blijf U nabij.

Geen macht op aard ontrukt U mij;

Wijl Jezus Gij, dien 't menschdom looft, Geheel mijn hart hebt weggeroofd.

ocr page 320

300

Snelt gij, o Hemelburgers, aan.

Laat wijd uw poorten opengaan,

Juicht den Verwinnaar te gemoet:

O Jezus, Koning, wees gegroet!

O Heer der krachten, Glorievorst,

Die de overwinuingskronen torscht,

Uit wien gena ten leven vliet.

Wiens luister 't Hemelhof geuiet.

Erbannings-bron en onderpand,

Gij, Zon van 't éénig Vaderland 1

Dat alle droeve nevel zwicht'

Voor 't koest'ren van uw glorielicht.

Uw lof ruischt uit der Eug'lenkoor,

Weerkaatsend do eeuw'ge Heem'len door,

En de aard door U met God in vree.

Stemt juichend in dat loflied mee.

Hij heerscht in vreê die alle maat En elk begrip te boven gaat;

Dien vrede heeft mijn ziel bemind,

Tot zij haar rust in Jezus vind.

Hij keerde tot den Vader weêr.

Naar 's Hemels kroon en Eijksbeheer;

Mijn hart vervoerd van hooger min,

Toog Jezus ua, den Hemel in.

Weerklink door alle tijden heen Zijn lof in feestzang en gebeên.

Opdat Hij ons een plaats bereid Met Hem in 't rijk der Eeuwigheid.

ocr page 321

301

GEZANGEN TOT JEZUS.

i.

Dat jezus leev'!

Dat Jezus leev'!

Dit is de kreet des liarten.

Dat Jezus leev'! de leer aar aller deugd: Naam, dieu ik nooit van mijn lippen laat vloeien, Zonder de liefde in mijn liart te doen gloeien Dat Jezus leev' ! (bis.)

Dat Jezus leev'!

Dit is de kreet der hope Voor 't schuldig hart, dat zijne misdaad voelt. Hij zet den boetling meer moed bij en sterkte, Hij kroont het goed, dat zijn hulp in hem werkte. Dat Jezus leev'! (bis.)

Dat Jezus leev'!

Op dezen kreet der sterkte Vlucht ver van ons het helsche leger weg. Jezus, uw Naam aan uw dienaars zoo teeder, Stort in den afgrond de duivelen neder.

Dat Jezus leev'! (bis.)

Dat Jezus leev'!

Dit is de kreet der liefde,

God, die voor 't oog slechts brood op 't altaar zijt; 'k Weet 't is alleen om mijn liefde te winnen, 'k Wil van nu af getrouw U beminnen.

Dat Jezus leev'! {bis.)

ocr page 322

302

2.

Aan Jezus eer.

Aan Jezus eer!

Zoo stijge ons dankbaar smeken. Aan Jezus eer! door aarde en hemelheer! O zoete Naam, dien 'k nimmer uit kan spreken. Of 'k voel te feller iu liefde me ontsteken. Aan Jezus eer! (his).

Aan Jezus eer'

Is 't lied der christen scharen, Aan Jezus eer! Hem onzen God en Heer, Die, al wie trouw om Hem henen vergaren. Trouw in den strijd voor Zijn Naam zal bewaren. Aan Jezus eer! (bis).

Aan Jezus eer!

Zoo mag de zondaar zuchten,

En tot zijn Heer ga hij rouwmoedig wéér; Geen boetling, neen! heeft zijn wrake te duchten: Hij heeft alleen in zijne anneu te vluchten. Aan Jezus eer! (his.)

Aan Jezus eer!

Is 'tiled van 't ziels vertrouwen, Aan Jezus eer! zoo roepen we immer weêr; Hoe langer toch wij zijn wouden beschouwen, Hoe meer ons ook onze zonden berouwen Aan Jezus eer! (bis).

ocr page 323

303

Aau Jezus eer!

Is 't lied der hemelzalen En 't euglcn choor valt diep aanbiddend nêer Dat moet heel d' aard met haar tongen en talen Dat al wat is door alle eeuwen herhalen, Aan Jezus eer! {bis).

Aan Jezus eer!

Xog eens zij 't aangeheven; Aan Jezus eer! en immer immmer meer! Aau Hem alléén zij van nu af ons leven, Aau Hem gehéél ons ten offer gegeven. Aau Jezus eer. {bis.)

Aan Jezus eer,

Zoo blijve ons danklied strooraeu. Aan Jezus eer, voor eeuwig onzen Heer; Hij, ja, Hij zelf is in ons nu gekemen. Hij zelf heeft ons tot de zijnen genomen : Aau Jezus eer! (bis.)

Aan Jezus' H. Wonden.

Gegroet, o wonden van den Heer, o Liefdepanden, grens'loos teêr, Waaruit een eindelooze vloed Ons toestroomt van zijn purperbloed.

ocr page 324

304

Geen ster straalt met zoo held'ren schijn, Geen roos, noch balsem genrt zoo fljn, Geen kenrgesteent heeft uw waardij,

Geen honig is zoo zoet als Gij.

Voor onze redding ligt de Heer Vertreden in de wijnpers neêr,

En heeft, slechts deukende aan ons heil, Den laatsten Woeddrup voor ons veil.

Komt allen, die de diepe smart Des doods gevoelt in 't schuldig hart; Want wie in 't heilbad van Gods Zoon Zich afwascht, wordt weêr rein en schoon.

4.

Bede tot Jezus.

Arme Jezus! in uw leven

Voorbeeld van volmaakt geluk,

Leer ons dat voor ons op aarde Licht uw last is, zoet uw juk.

Arme Jezus! geef dat wij,

Arm van geest zijn, zoo als Gij.

Arme Jezus! die in armoe Werdt gebaard te Bethleëm,

Eu tevreden üwe moeder Volgdet naar Jerusalem!

Arme Jezus! geef dat wij,

Zoo te vreden zijn, als Gij.

ocr page 325

305

Arme Jezus! die met Jozef

Werkzaam waart te Nazareth, Op zijn' wenken altijd lettend,

Op uw arbeid nauwgezet!

Arme Jezus! geef dat wij Vlijtig werken zoo als Gij.

Arme Jezus! ach, wij bidden ;

Geef ons altoos' 't daag'lijksch brood Maak ons rijk in eer en deugden, Braaf en eerlijk tot den dood!

Arme Jezus! geef dat wij Heilig sterven zoo als Gij.

De Zoete Naam van Jezus.

Gegroet, o nooit volprezen Naam Waarbij Gods Eng'len knielen!

Geen sterre, die er zachter blinkt.

Geen lofzang, die er zoeter klinkt, Geen naam troost zóó de zielen.

Uw licht gloeit als de dageraad Van goud en purpren rozen; (Jw glans doet om den hemeltroon

De Maagdenreien voor Gods Zoon Van liefde en onschuld blozen.

ocr page 326

306

De Martelaren droegen U,

Als myrrhe op luinue harten;

U dankt de Kluizenaar zijn deugd, De Apost'lenschaar ging welverheugd Voor U in dood en smarten.

O Naam van Jezus! zoete Naam, In 't hoogste Licht verheven!

De heem'len juichen ü ter eer,

Do hel valt sidd'rend voor U neer.

En de aarde aanbidt U — 't Leven.

O troost en leven mijner ziel.

Aanbeden Naam van Jezus!

Wanneer mijn hart voor 't laatst zal slaan,

Doe mij den hemel opengaan,

O zoete Naam van Jezus.

6.

Aanbidding van Jezus in het H. Sacrament.

O Groote God, wat zijn uw Tabernaak'len Voor mijne ziel verrukkelijk en schoon!

Daar openbaart Gij ous uw heiloraak'len

Daar heft geloof, daar liefde zich ten troon, (bis.)

ocr page 327

307

Gelukkig bij, die U daar mag beschouwen,

En aan den voet van uwe altaren smacht! Wat is eene eeuw in aardsche praalgebouwen Bij 't oogenblik, bij ü hier doorgebracht? (bis.)

Ja, de Almacht troost door duizend zegeningen Mijn zuchtend hart. de wenschen mijner ziel; Ik voel het vuur der liefde mij doordringen, Terwijl ik hier ootmoedig nederkniel. (bis.)

Een talloos heir van eng'len, die me omringen,

Bewond'ren stil Gods tegenwoordigheid In mijne ziel, terwijl er duizend zingen,

Met buigend hoofd voor de Oppermajesteit, (bis.)

Heersch over mij, als Heer van dood en leven,

Heersch over mij, vooral door 't liefderecht. Wijk, wereld! wijk, die mij geen heil kunt geven! Mijn hart blijft steeds aan Jezus vastgehecht, (bis.)

Voor 't tabernakel neergebogen,

Waar we ü, o God, aanbidden mogen Met 't Eng'lenkoor, dat U omgeeft: Wil ü ons harte dank bewijzen. Uwe eindelooze liefde prijzen.

Wijl Gij voor ons op 't altaar leeft.

O Jezus, starend op uw wonden. Die uwen liefdegloed verkouden

ocr page 328

308

Door haren purperrooden glans; Wil onze ziel zich aau U hechten, En al haar daden samenvlechten Tot ééne liefde-bloemenkrans,

O God, wiens glorie 's hemels zalen Van starrendoovend licht doet stralen,

En die hier zóó verborgen zijt; O neig uw oor naar onze bede,

Deel meer nog van uw liefde mede Aan 't hart, geheel ü toegewijd.

8.

O Bruidegom der zielen,

Zoo eind'loos rijk en schoon; Wat doet U nederdalen

Van 's Hemels glorietroon ? Wat hult er in geheim'nis Uw stralend aangezicht,

Eu houdt den glans omsluierd. Van 't ongeschapen licht?

Toen Gij op aarde leefdet

In uwe sterflijkheid.

Werd U een' arme kribbe,

Een mart'lend kruis bereid. Hoe woont Gij hier zoo eenzaam

Des Vaders eeuwig Woord, Wat heeft in 't dal van tranen Uw oog en hart bekoort?

ocr page 329

309

O kinderen der menschen,

Wat mijne ziel verheugt,

Dat is, bij U te wonen,

Zietdaar mijn zoetste vreugd; De goddelijke liefde.

Die heel mijn hart doorgloeit. Zij houdt Mij op uw outer Met al haar kracht geboeid.

Maar als ik dan uw zielen Zoo eind'loos veel bemin,

Gaat dan met deez' gedachten

Mijn heil'gen tempel in; „Wij zien God door zoovelen

Verlaten en veracht:

Door ous, zijn trouwe vrienden, Zij eerherstel gebracht.quot;

9.

Komt, Christenscharen, laten wij,

Aanbiddend nederknielen;

Voor Jezus Christus, onzen God,

Den Bruigom onzer zielen, Die zich in 't Heilig Sacrament,

Uit liefde heeft gegeven,

Om tot den jongsten dag met ons In ons te kunnen leven.

O Jezus, laat ons need'rig lied,

lu 'tjub'lend koor der eng'len. Dat heden uw altaar omzweeft.

ocr page 330

310

Zich blij eu dankbaar meng'Ieu, Ter eer van 't levendraakeiid Brood,

Dat Gij, in liefde ontstoken, Den nacht, dat Gij verraden werdt, Voor allen liebt gebroken.

O godd'lijk Gastmaal, ons bereid,

O Manna onzer harten,

Blijf steeds de kracht voor onze ziel,

In lijden en in smarten. Kom, duizendmaal, verborgen God!

Met god'lijk Bloed ons drenken. Om eenmaal aan ons brandend hart U eeuwig weg te schenken.

Dan zullen wij, rondom het Lam,

In de eeuwige opperzalen Vereenigd met het Eng'lenkoor

Dit blijde lied herhalen :

„Gedankt, geprezen en geëerd,

„Geloofd en aangebeden,

„Zij 't heilig, vlek'loos Ufferlam, „Tot in alle eeuwigheden.

10.

Dank Jezus! dank, voor al uw zegeningen. Uw Hart ontvloeid, gestort in ons gemoed;

Wij willen nn met dankb're harten zingen: Van U, o God! van ü daalt alle goed!

O! moog het U behagen,

ocr page 331

311

Het offer ü gebracht.

En ons het heil verwerven,

Dat onze ziel van uwe liefde wacht.

Dank Jezus! dank, voor al uw kost'bre gaven,

Ons in dit uur zoo ruimschoots toebereid : Gij wilt ons hier met uw vertroosting laven. En wacht ons eens in 't rijk van zaligheid ! O! moog het U behagen,

Het otïer U gebracht,

En ons het heil verwerven,

Dat onze ziel van uwe liefde wacht.

11.

Akten voor de H. Communie.

Ebnigbn. Jezus ! Menschgeworden God,

Die niet in uw woord kunt falen,

Gij rust hier iu 't Sacrament,

Kan 't mijn geest niet achterhalen; f Waarheid! toch getuig ik nu,

* | Jezus! ik geloof in U.

Eenigen. God van almacht, liefde en trouw!

'k Ben beschaamd om al mijn zonden,

Maar Gij, Heer! hebt ze uitgewischt In het Bloed van zóóveel wonden; f Vol betrouwen kom ik nu,

T-i.En. | (Joede Jezus 'k hoop op U.

ocr page 332

312

Eenigen. God van liefde en opperst goed! Gij wilt spijzen ons en drenken, In 't Geheim der hoogste min,

Heel ü zelveu aan ons scheuken; ^ FX f Liefste Jezus! kom, kom nu,

l Ach mijn ziel verzucht naar U.

Eenigen. 'k Ben niet waardig, groote God!

Dat Gij ingaat in mijn harte,

Spreek slechts, Heer! een enkel woord,

Eu, doorwond van liefdesmarte,

. f Smeek ik: Jezus! kom toch nu,

Allen. tr , ., , '

[ Kom, o kom, ik smacht naar U.

Eenigen. 'k Zal dan aan den heil'gen Discli U, mijn Jezus! gaan ontvangeu,

ü, mijn God, mijn grooteu God. Aan mijn zalig harte prangen;

Goede Jezus! kom toch nu,

Kom, o kom! ik snel tot U.

12.

Akten na de H. Communie.

Ebne stem. Nu heeft mijn lieve Jezus dan Zich mij tot spijs gegeven, Die mijn verkwikte ziel bewaar' In 't eindelooze leven; a T , \ Ach, goede God! U smeeken wij, j Blijf ons nu eeuwig, eeuwig bij.

Allen. |

ocr page 333

313

Zoo is dan waarlijk 'sVaders Zoon

Tot mijne ziel gekomen, En heeft zijn zetel in mijn hart,

Mijn zondig hart genomen; Ach God! ach God! U smeeken wij, Blijf ons nu eenwig, eeuwig bij.

Eeke stem.

Allen.

O dat ik al de stemmen had. Die opgaan van deze aarde. En 't nimmer zwijgend hemelkoor

Zich aan mijn loflied paarde! U, God! zóó groot, aanbidden wij, Blijf ons nu eeuwig, eeuwig bij.

Eene stem.

Alt. ex.

'k Aanbid, ik loof, ik dank ü, God! O. zie mijn tranen beven,

Wat zal ik goede Jezus ! U

Voor zóóveel liefde geven?

Mijn God! mijn God! U danken wij. Blijf ons nu eeuwig, eeuwig bij.

Eene stem.

Allen.

Ik wil, mijn Jezus! wat ik ben,

Mijn hart, mijn vreugd en lijden. Mijn leven en mijn stervensuur

Ten ofierand ü wijden;

U God! ü God! beminnen wij. Blijf ons nu eeuwig, eeuwig bij.

Eene stem.

en. {

A [.LI

Eene stem. Maar zwak is onze wil, o Heer!

Als 't lichtbewogen riet;

ocr page 334

314

Almachtig God! wij smeeken U; Verlaat, verlaat ous niet;

\lt ex ^ eens' noquot; eens ^ai1 wij

j Blijf ons toch eeuwig', eeuwig, bij

13.

Voorbereiding tot de H. Communie

0 bron van leven !

Wat is uw liefde groot!

Gij wilt u geven Aan mij in schijn van brood. Ik kniel aanbiddend neêr;

Voor U mijn Opperheer;

Maar door 't geloof gedreven,

Rijs ik met hope weêr.

O bron van leven. (bis).

O teed're Vader!

Mijn zoude baart mij smart;

Ik treed IT nader,

Met rouw en leed in 't hart.

Verteer o God'lijk Lam Mij door uw liefdevlam,

Snijd af mijn levensader Eer ik U nog vergram,

O teed're Vader! (bis).

ocr page 335

315

Heil aller menschen! O rustpunt mijner ziel!

Ach, of mijn wenscheu Uw gunst ten erfdeel viel!

Mijn hart vol liefdegloed,

Zucht smeekend naar een goed, Dat de eeuwen niet verflensen; Ach nader dan met spoed.

Heil aller menschen! (bis).

14.

Gebed vóór de H. Communie.

Gelijk een hert zich dorstend zoekt te drenken. Zoo dorst mijn ziel naar U, o levensbron!

Naar TJ, die mij het ware heil kwam schenken, Eu door uw Bloed mijn minnend harte won. Kom dan, o kom, ontdaan van gloriestralen. Terwijl de schijn van brood uw glans omhult. Kom Jezus! kom, wil iu mij nederdalen l ^ In mij, voor U van wedermin vervuld. J

Ja christ'nen komt, wilt biddeud uederknielen. Waakt nu en zingt; Hij komt, Hij komt de Heer, De Glorievorst, de Bruigom onzer zielen. Hij naakt, Hij daalt op 't heilig altaar neêr. Ja christ'nen wilt van reine liefde blaken. Hij komt. Hij komt uw zielen zalig maken i . U voeden met zijn dierbaar Vleesch en Bloed, j '''

ocr page 336

316

15.

Na de H. Communie.

Geloofd zijt Gij door deze blijde tonen,

O Jezus, vreugd en blijdschap mijner ziel; Geloofd zijt Gij, die in mijn hart wilt tronen, Voor wien ik hier aanbiddend nederkniel. Gij. rijke God. zijt tot een slaaf gekomen. Gij hebt hem met een hemelsch Brood gevoed. Door mijne ziel eennieuwekracht doen stroomen.] Haar spijzend met uw god'lijk Yleesch en Bloed.J

Wil nu mijn ziel, in 'tjuub'lend koor der eng'len, Wier lofzang klinkt, waar mijn Verlosser troont, Uw ned'rig lied, maar blij en dankbaar meng'len Ter eer van Hem, die in uw harte woont. Hij kwam tot ü, in liefdegloed ontstoken. En schonk zich u, gehuld iu schijn van Brood! Nooit worde meer die liefdeband verbroken: 1 ^ O blijft met Hem vereend tot in den dood !j

1(5.

Geloofd zij Jezus Christus!

Als 't eerste duister breekt. Ontwaakt mijn hart en spreekt: Geloofd zij Jezus Christus!

ocr page 337

317

De lieil'ge feestklok luidt

En roept het plechtig uit: Geloofd zij Jezus Christus!

Wat is de schoonste klank?

De zoetste toon van dank ? — Geloofd zij Jezus Christus!

In 's Heeren heilig Huis,

Is 'teerste beêgeruisch: Geloofd zij Jezus Christus!

In mijn gelukkigst uur

Zing ik met liefdevuur:

Geloofd zij Jezus Christus !

Bij al wat ik begin,

Eoep ik met hart en ziu: Geloofd zij Jezus Christus!

En wat mijn werk ook zij,

Ik zeg er vroolijk bij:

Geloofd zij Jezus Christus!

De schoonste vruchten kweekt

Het hart, dat altijd spreekt : Geloofd zij Jezus Christus !

Bij spijzen en bij drank

Is dit mijn vrome dank: Geloofd zij Jezus Christus!

ocr page 338

318

Zoo zing ik voor en na, Als 'k bid of werken ga: Geloofd zij Jezus Christus!

En nooit verveelt de groet, Zoo schoon, zoo wonderzoet: Geloofd zij Jezus Christus!

Als treurigheid mij plaagt, Dan roep ik onversaagd: Geloofd zij Jezus Christus!

Bij 's levens zielsverdriet. Vind ik mijn troost in 't lied Geloofd zij Jezus Christus!

In nood en bitt're smart Roep ik met mond en hart: Geloofd zij Jezus Christus!

Droef om mijn schuld te moê Zucht ik mijn .Jezus toe: Geloofd zij Jezus Christus!

De macht der helle vliedt, Voor dit mijn zoete lied: Geloofd zij Jezus Christus!

De liefelijkste lof,

Is ook in 's hemels hof: Geloofd zij Jezus Christus!

ocr page 339

319

Des Vaders eeuwig woord Klinkt daar door d'eenwen voort: Geloofd zij Jezus Christus!

Zingt, mensclienkind'ren, luid,

Zingt jubelend het uit:

Geloofd zij Jezus Christus

Heel 't aardrijk in het rond Weerküuke telken stond:

Geloofd zij Jezus Christus!

Zingt, hemel, aarde, zee.

Zingt al wat ademt meê:

Geloofd zij Jezus Christus!

Als 't licht ten einde spoedt, Zij dit de laatste groet:

Geloofd zij Jezus Christus 1

De. duisternis wordt dag.

Voor wie slechts zingen raag: Geloofd zij Jezus Christus 1

Mijn hart houdt sluiin'rend wacht, 't Zingt in den stillen nacht: Geloofd zij Jezus Christus!

Wen 't, leven mij ontvliedt.

Zij dit mijn stervenslied:

Geloofd zij Jezus Christus!

ocr page 340

320

't Weerklinke wijd en luid Voor Hem eeuw ia eeuw uit: Geloofd zij Jezus Christus!

17.

Geloofd zij Jezus Christus.

Geloofd zij Jezus Christus Door al wat leeft, erkend,

Aanbeden en geprezen,

In :t Heilig Sacrament.

Verlosser der wereld, verborgene God,

Wien de Engelenkoren daarboven.

Waar Gij met uw liefde de Heil'gen vertroost,

Aanbiddend en zegenend loven!

o God van erbarming, voor ons aan het Kruis

In naamlooze smarten bezweken;

Kom, Jezus, ons hart nog zoo zondig, zoo koel In min voor uw goedheid ontsteken!

Geloofd enz.

Ter aarde gebogen, aanbidden wij. Heer,

Uw macht en verborgene Godheid; 't Omsluierde licht van uw Goddelijk schoon, Dat Gij in de heem'len ten toon spreidt ! Ons hart zingt het loflied der engelen na. Die eeuwig uw outer omzweven.

ocr page 341

321

En dorst als het hert naar de heilrijke bron, Ontspringend ten eeuwigen leven.

Geloofd enz.

o Goddelijk gastmaal, bereid door den Heer!

o Manna der zuiv'ren van harte!

o Heilige teerspijs en troost mijner ziel,

Mijn toevlucht in lijden en smarte! o Liefrijke Jezus, geef kracht in den strijd,

Blijf met ons tot de avond zal dalen; Vertroost onze ziel in haar uitersten stond. Dat eeuwig uw licht ons bestrale!

Geloofd enz.

18.

Akte van Geloof.

Broeders, welk geloof hebt gij ? Zegt uw Credo, antwoordt mij.

Credo 't Evangelie Gods,

Met de vastheid van de rots. Credo! Credo!

Zegt mij dan op welk gezag, Zulk een vastheid steunen mag?

Op mijns Gods waarachtigheid, Die niet faalt en niet misleidt. Credo! Credo 1

21

ocr page 342

■Ó-22

Maar van waar, uit weikeu moud, Weet gij wat God heeft verkond?

Uit den mond van Jezus' Bruid. Die zicli klaar voor mij ontsluit. Credo! Credo!

Ja, maar wijst de bron mij dan. Waar de Kerk uit putten kan y

:t Woord van God, dat God haar liet, 't Zij 't geschreven staat of niet.

Credo! Credo!

Maar wat haatte nog die bron,

Zoo de Kerk eens falen kon?

Jezus' woord blijft eeuwig waar, Dat Hij altijd is met haar.

Credo! Credo!

Zal uw Credo van dit uur.

Broeders zijn van langen duur?

En in voorspoed, èn in nood,

Credo, Credo tot mijn dood.

Credo! Credo!

Laat ons. God, eens zien bij U Wat wij uedrig g'loven nu.

Credo! Credo!

ocr page 343

323

19.

Rouwvolle Bede.

God vau troost! mag' quot;k de oogen wenden Naai' den hemel waar Gij woont?

Mag- ik komen vol ellenden

Waar uw g'odd'lijk wezen troont?

Mag ik nog — hoe ook vol zonden —, Hopen op barmhartigheid?

Gij, mijn God! geneest de wonden Van het hart, dat tot U schreit.

Ach, mijn God 1 mijn liefste Vader! 'k Ben een zondaar, ik iieb schuld!

Maar gedoog, dat ik U nader',

Ik bezweer U: heb geduld.

Vader! Vader vol ontferming!

Neem mij tot uw kind weêr aan.

Neem mij weêr in uw bescherming, 'k Zweer U liefde en trouw voortaan.

Geef mij weêr die zoete dagen,

Die 'k beleefd heb in mijn jeugd,

Toen ik ü nog mocht behagen

Door mijn onschuld, door mijn deugd.

Ware ik toch maar gestorven.

Eer ik deed het eerste kwaad,

Eer mijn harte werd bedorven Door zoo menig booze daad.

ocr page 344

324

Geef mij weer mijn lieve Moeder,

Tot geduur'ge troosteres;

Geef mij Jezns tot Behoeder.

Die mijn smachtend harte lesch', — Laat me U eenmaal eenwig prijzen,

Vader van barmhartigheid;

Die geen zondaar af kunt wijzen, Als hij om ontferming schreit.

20.

De berouwhebbende zondaar.

Ik, ik ben die booze zondaar,

Die God uit mijn harte dreef,

Eu nu in liet slijk gezonken,

Ver van mijn Verlosser leef.

Ach, mijn God! wil 't mij vergeven, Wat ik tegen U misdeed;

Schenk, o God! mij uw genade.

Want mijn zonden zijn mij leed!

Ach! hoe vaak drukte ik de doornen In uw schoon, aanbidd'lijk hoofd;

Van Uw liefde, van den hemel Heeft die misdaad mij beroofd.

Ach, mijn God, enz.

Door 't verachten der genade Heb quot;k U slagen toegebracht;

ocr page 345

325

'k Heb yersclieurd uw godd'lijk Lichaam,

En uw goedheid zoo veraclit.

Ach, mijn God, enz.

'k Dorst dan zoo wreedaardig wezen, Dat ik ü aan het kruishout klonk! 'k Heb gedood in koelen bloede

Hem, die mij het leven schonk. Ach, mijn God, enz.

Toch bleef mij uw liefde volgen,

Toen ik, zondaar, ü verliet,

Toch bleef mij uw liefde zoeken,

Toen ik U, mijn heil verstiet. Ach, mijn God, enz.

'k Ben beschaamd, gedrukt, verslagen.

Om de zonden die ik deed,

Daar ik ver van ü verwijderd.

Ver van 't leven, 't leven sleet. Ach, mijn God, enz.

Wil me, o God 1 aan U nu boeien;

Reik mij toch uw Vaderhand;

Bind mijn wil aan uw verlangen.

Door uw gouden liefdeband. Ach, mijn God, enz.

Geen rechtvaardig vonnis vraag ik,

quot;k Vraag alleen barmhartigheid; 'k Smeek, bij 't storten mijner tranen,

Dat Gij mij genadig zijt.

Ach, mijn God, enz.

ocr page 346

326

21.

Een Godslasteraar voor het Kruisbeeld.

Hij, hij is die booze zondaar

Dien de kerk een' vloeker noemt,

En dien God om zijn gelaster In de Schrift ter helle doemt.

Ebpeeix.

Ach! mijn God 1 spaar hem in 't leven, 't Is voor hem dat Jezus leed;

Vader! wil het hem vergeven Want hij wist niet wat hij deed.

Ach! hoe vaak drukt hij de doornen, Jezus! in uw Hoofd zoo schoon!

Elke vloek door hem gesproken,

Was een doom voor uwe kroon.

Ach! mijn God! spaar hem, enz.

Hij was beulkneclit van den duivel, Geeselend U dag op dag;

led're vloek van zijne lippen,

Was voor U een geeselslag.

Ach! mijn God! spaar hem, enz.

Hij heeft U, mijn God! genageld Aan het Kruis dat Jezus droeg;

Elke vloek was als een hamer

Waarmee hij aau 't Kruis [J sloeg.

Ach, mijn God! spaar hem, enz.

ocr page 347

327

God, ook ik roep om genade

Met den moord'naar aan uwquot; zij': Keer van mij den vloek der joden: Kome uw bloed niet over mij!

Refeeix.

Ach! mijn God 1 spaar mij in quot;t leven,

't Is voor mij dat Jezus leed:

Vader I wil liet mij vergeven Want ik wist niet wat ik deed.

Zij voortaan uw Xaam geprezen, Jezus, Schepper, God en Heer! 'k Zal voor mijne zonden boeten.

En nu nooit geen vloeken meer' Acli, mijn God! spaar mij, enz.

Ik herroep ook mijn gelaster.

Mijn gevloek en mijn gespot: En om alles te herstellen

Loof ik thans uw Naam, o God! Ach, mijn God! spaar mij, enz.

22.

Gedenklied aan 's Heeren Lijden.

Gansch des Heeren aardsche leven

Was een kruis en marteling:

't Voegt zijn knecht. Hem na te streven Op den Kruisweg, dien Hij ging.

ocr page 348

328

quot;k Zal daii al mijn leveusdag-eu Denken aan de beulen wreed,

Deuken aan de felle slagen,

Die mijn lieve Jezus leed.

'k Zal uw Kruis gedachtig blijven. Nagels, rietstaf, kroon en speer; In mijn hart uw wonden schrijven, Liefdeteekens van den Heer.

„Zie Mij aan en tel de wonden,

„Die Ik voor uw ondank draag: „Boet in tranen uwe zonden;

„Zou 't te veel zijn, wat ik vraag?quot;

quot;k Wil dan quot;s werelds vreugde derven,

Neem den rampspoed willig aan; ;k Wil met ü aan 't kruishout sterven, Om mijn leven in te gaan.

ocr page 349

329

GEZANGEN TOT MARIA.

i.

Maria leve!

Maria leev' ! Wat glans en luister meng'len,

Zich in dit hart van alle vlekken vrij 1 Maria leev', de Koningin der Eng'len

De Moedermaagd aan 't hoofd der maagdenrij. Maria leve Met God haar kind ; ^ Leve Maria,

Die ons als Moeder mint.

Maria leev'! Komt laat ons vóór haar knielen.

Ze is Dochter Gods, Gods Moeder, Godes Bruid, Maria leevquot;, de Toevei-laat der zielen I Haar milde hand stort hemelgunsten uit. Maria leve! enz.

Maria leevquot;! Zij deed den Morgen dagen.

Haar zuiver hart riep 's Hemels glanzen neêr ; De reiijste Maagd alleen kon God behagen,

Door Jezus schonk zij de aarde 't leven weer. Maria leve! enz.

Maria leev' ! Haar liefde doet mij leven.

Aan hare zij vrees ik noch dood noch pijn; Als eens de dood mij zondaar zal omzweven. Wil, Moeder Gods! dan mijne voorspraak zijn. Maria leve! enz.

ocr page 350

330

Gebed tot Maria.

Wees gegroet! o Koninginne!

Moeder vau het hoogste goed!

Hemelwellust, vreêbodhme,

quot;Werelds hoopster, wees gegroet;

Hoor de stein vau Eva's zonen, Van :t gebannen Adams kroost,

Luister naar hun droeve toonen. Moeder ! hoor I zij vragen troost!

Ver verwijderd van de dreven, Van het lieve vaderland,

Zuchten wij hier in dit leven, Kwijnend op dit vreemde strand;

Uwaarts uit dit da! van smarten; Aan uw hand ten kamp geleid.

Heffen wij en blik eu harten,

Naar het oord der zaligheid.

Moeder van het Alvermogen,

Onze voorspraak bij den Heer!

Werp een blik van inededoogen, Op het lijdend menschdom neer:

Sla uw blik o dierb're Moeder! Van uw zwervend kroost niet af,

Daar aan 't kruishout de Albehoeder, U aan ons tot Moeder gaf,

ocr page 351

331

Voer ons uit dit zwervend leven, Uit dit aak'lig ballingsoord,

Naar des Hemels sclioone dreven. Waar geen droefheid 't harte stoort.

Toon ons Hein naar quot;Wien wij haken, Jezus uw' geliefden Zoon,

Laat ons Zijne liefde smaken,

Eeuwig juichen voor Zijn' troon.

Met een kinderlijk vertrouwen, Staam'len wij dit smeekend lied, Goedertierenste aller vrouwen! O versmaad uw kind'ren niet!

Uw geliefden te zien kampen.

Pijnigt steeds uw teer gemoed,

Maar hen helpen in hun rampen, Is voor 't moederharte zoet.

3.

Maria, Onbevlekt Ontvangen.

Laat ons, Moeder van den Heer,

Laat ons om uw zetel dringen;

Laat uw kind'ren u ter eer

't Zielverrukkend loflied zingen; 't Moet weerklinken luid en blij: Moeder, Onbevlekt zijt gij.

his.

't Heeft reeds ;t wijde wereldrond. En herscheppend, overklonken,

ocr page 352

332

't quot;Woord door Pius moud verkond: Eu uw kind'ren vreugdedronken, Jub'len op uw feestgetij :

Moeder, Onbevlekt zijt gij.

Neen, dat loflied zwijgt niet meer 1 Tot aau quot;s werelds verste palen, Zullen met het hemelsch heir,

Al uw kind'ren quot;t luid herhalen, 't Woord van ?t zalig jubellij: Moeder. Onbevlekt zijl gij.

En we voegen dank eu beê

Aan de blijde feestgezangen, Wie, wie dankt niet met ons meê, Voor het heil door U ontvangen, 't Woord van 't zalig jubeltij : Moeder, Onbevlekt zijt. gij.

Zonuezuiv're Moedermaagd 1 Om de glorie U gegeven,

Hoor ook wat ons hart U vraagt: Dat wij na een schnld'loos leven. Eeuwig jub'len aau uw zij;

Moeder, Onbevlekt zijt gij.

ocr page 353

333

4.

O Moeder Gods.

o Moeder Gods,

o Reinste Maagd,

Naar :t voorbeeld onzer vad'ren; Vertrouwen wij Nooit vruchteloos U smeekende te nad'ren. (bis.)

Wij bidden U,

o Koningin,

Wend minzaam tocli uwe oogen; Van 't glorieliclit,

Waarin gij troont,

Op ons in 't stof gebogen. (bis.)

Wij zuchten in Dit tranendal,

Ver vau liet eeuwig leven;

Vaak klaagt ons hart In bange smart,

Van droeve zorg omgeven. (bis.)

o Ster van troost,

Kom in den nacht Ons duister pad bestralen;

Dat onze schreên Door 't aardsche dal.

Niet verre van II dwalen. (bis.)

ocr page 354

334

De wereld tracht Door schijugeluk,

Ons aau de deugd te outtrekken, Och, geef dat wij, Het bruiloftskleed,

Door zouden nooit bevlekkeu. (bis.)

Het vleesch is zwak. Ons hart geneigd. De wereld ua te jagen:

O mochten wij Om broos geluk Het eeuwig heil nooit wagen, (his.)

Maria, smeek,

Smeek uwen Zoon,

Dat wij, van zonde omgeven.

Toch rein van hart. Oprecht en stil.

Voor Jezus aanschijn leven. (his.)

Leid onze ziel.

Als de avond daalt. Het hemelsch Sion binnen! Om onzeu God,

Uw lieven Zoon,

Daar eeuwig te beminnen. (his.)

ocr page 355

335

o.

Avondgroet aan Maria.

Maria's beeld 'te midden

Van vroolijk schittrend licht, Noodt ons te komen bidden

Bij 't altaar haar gesticht.

Komt, God getrouwe zielen Voor Jezus' Moeder knielen.

Maria, (Ms) Moeder smeek voor ons.

U loven alle harten

Voor uwe moedermin,

Gij lenigt alle smarten,

Volschoone Heilvorstin;

Uw hand heelt alle wonden. Geslagen door de zonden.

Maria, (bis) enz.

o Neig met medelijden

Uw hart tot onze beê,

Schenk ons na 't aardsche strijden

De zoete hemelvreê.

Sla uwe blikken teeder Erbarmend op ons neder 1 Maria, (bis) enz.

Zie ons aan uwe voeten.

Neem ons genadig aan;

Aanvaard onze afscheidsgroeten

ocr page 356

336

Voor dat ■ wij van U gaan : Blijf ons op alle wegen Bij met uw moederzegen Maria, (his) euz.

6.

Lofzang aan Maria.

o Maagd, o schoonheid nooit volprezen, o Moeder van quot;t Oneindig Wezen,

Wat luister schittert van uw troon! De Seraf, aan zich zelv' onttogen,

Juicht, voor uw grootheid neergebogen:

o Koningin, wat zijt gij schoon! (bis.)

Al derven wij bij 't aardsche duister. Het licht van uwen hemelluister.

Toch koestert ons uw liefdegloed. De Cherub roeme uwe heerlijkheden, Wij zondaars jub'len hier beneden:

o Moedermaagd, wat zijt gij goed! (bis.)

o Moeder, altoos even feeder,

o Zie niet welbehagen neder

Op 't offer van uw dierbaar kroost!

Schrijf in uw hart ons aller namen.

Voer ons voor Jezus' troon te zamen:

Wees (-Hj na O cd onze een'ge troost! (bis.)

ocr page 357

337

Eens zal geen vrees meer 't hart bêklemmen, Wanneer wij ginds met blijder stemmen,

God prijzen om zijn glorietroon.

Dan juichen wij uw Zoon ter eere:

Maria, Moeder van den Heere,

Wat zijt Gij goed, wat zijt Gij schoon I (bis.)

bis.

i.

O beeld der schoone liefde.

O beeld der schoone liefde.

Maria, Jozefs Bruid,

Gij vraagt mij wederliefde En stort uw gunsten uit.

'k Wil eeuwig U beminnen,

O groote Koningin Prent diep in hart en zinnen Mij uw gedacht'nis in.

O Jozefs Bruid, mijn Moeder,

Mijn troost, mijn toevluchtsoord, üw Zoon is mijn behoeder,

Die immer ü verhoort.

'k Wil eeuwig, enz.

O had ik zoo veel monden Als sterren in de lucht.

Ik zou uw lof verkonden Met innig zielsgenucht.

'k Wil eeuwig, enz.

22

ocr page 358

338

O had ik zoo veel zieleu

Als korrels ziju aan 't strand; Als regendruppels vielen,

quot;k Schonk ze U met milde hand. :k Wil eeuwig, enz.

Hoe moet ik mij beklagen,

Daar ik armzalig mensch,

U zóó niet kan behagen

Gelijk ik vurig wensch.

quot;k Wil eeuwig, enz.

8.

De Meimaand.

Juicht nu, blijde Sionskoren,

Laat uw jubelzangen hooren,

Door het ruim der hemelwoon, Meimaand stijgt ten bloementroon! Om de heil'ge Maagd te tooien.

Ziet de roos haar blad ontplooien;

Heel de schepping eert de Maagd, Die het kleed der onschuld draagt.

Gulden Zonne. doe uwe stralen Van :t azuur des hemels dalen! Bloemengeur, doorzweef den hof, Tot Maria's eer en lof.

't Heilig Kind, heur roem en eere, Jezus haren Zoon en Heere,

Drukt zij aan haar vroom gemoed... Moeder Gods, o, wees gegroet!

ocr page 359

339

Voorbeeld van de moederliefde.

Zelfs uog toen zijn kruis Ü griefde, Op U staren wij met vreugd,

Leidsvrouw op liet pad der deugd.

Ja, uw vlekloos heilig leven,

Is ten gids aan ons gegeven,

't Zij in vrede of b au gen strijd,

't Harte blijft U toegewijd.

Laat ons met de heilige eng'len,

't Sclioonst gebloemt ten lofkrans streng'len, Eu ü met verheugden geest,

De offers biêu van 't lentefeest.

ü met frissche rozen kronen Moeder, onze liefde U toonen,

U, die de uitverkoor'ne waart.

En den Eedder schonkt aau de aardquot;.

9.

M e i li e d.

Heuvels, dalen, bosschen, velden, Vloeden, wilt den lof vermelden. Doet den prijs der deugden gelden. Van Maria, morgenschoon. (bis.)

Beekjes, met het lief geklater. Van uw zilverzuiver water, Vogeltjes, met zoet geschater.

Zingt Maria quot;t loflied toe. (his.)

ocr page 360

340

Zingt; o Moeder-koningimie, Schoonste Maagd en Eijksvorstiune, Maak dat ik U steeds beminne, Eer aan God, wijl Hij U schiep, (bis.)

Gij zijt door uw liefdestralen Als de zon der hemelzalen,

Niets kan bij uw reinheid halen, Zilv'ren maan van 't hemelrijk, (bis.)

Geur verspreidt Gij als de rozen, 't Hoogste schoon moet voor U blozen,. Lelie, door God-zelf gekozen,

Toonbeeld van lieftalligheid, (bis.)

God ziet onder duizendtallen U de ootmoedigste van allen, 't Is met eind'loos welgevallen, Dat Hij op uw schoonheid ziet. (bis.)

Heilige Maria, Moeder,

Dochter van den Albehoeder,

Wees uw kind'ren steeds tot Moeder, Bij uw Jezus, bij uw Zoon. (bis.)

10.

Zie ons Moeder.

Zie ons Moeder, opgetogen

Heden voor uw troon geschaard; Sla op ons uw minzame oogen,

ocr page 361

341

Zijn wij ook die gimst niet waard. Hoor ous juichen, de Albehoeder

Kwam ous nieuwe gunsten hiêu: quot;t Is weêr Mei! wat schoouheên Moeder! Lusthof is 't al wat wij zien.

God riep weêr uw beeld in 't leven;

In dien overschoonen hof,

Die in 't Hooglied staat beschreven.

Lezen we uw verdienden lof; Nooit gaaft ge onkruid uit te rukken;

Immer bood uw rijke grond Schooner bloem en vrucht te plukken, Dan God ooit op aarde vond.

Dan, natuur roept mede ons tegen;

„Moet ge zelf geen hofjen zijn? „Schonk u God geen zaad en regen, „Malschen dauw en zonneschijn? „Bij wat vruchten, bij wat bloemen, „Ziet. hoe quot;t onkruid welig schiet! „Kunt gij op uw hofjen roemen ? „Neen, Maria volgt ge niet.quot;

Ja, 't is waarheid; — zie, we vallen.

Moeder! rouwig voor U neer: Bid voor ons, en in ons allen

Bloeie een eeuw'ge lente weêr! Laat uw geest ons hart doordringen;

't Worde zoo een schooue hof, Bloemen, vruchten zullen zingen Jezus' en Maria's lof.

ocr page 362

342

11.

M aria onze Beschermster

Onbevlekt zijn de eug'len-reien.

Voor des Hoogsteu heiTgen troon, Maar nog schooner zijt Ge, o Moeder

Van Jehova's een'gen Zoon. Gij, Maria! hooggezeteld

In het hemelsch vaderland,

Als de voorspraak van het menschdom. Aan des Hoogen rechterhand.

Daar verheven boven de eng'len.

Kent uw harte leed, noch druk;

Paar smaakt steeds uw zuivre boezem,

quot;t Ongestoordst en reinst geluk; En van daar, wijl Ge aan de wereld,

Den Bevrijder hebt gebaard.

Blikt Ge steeds, het oog vol liefde, Neder op de ellendige aard!

Worden wij door storm geslingerd.

Op des levens Oceaan,

Ja, dan hoort Gij medelijdend

Onze bange kreten aan.

Is de kalmte ons weêr gegeven,

Staam'len wij een dankend lied, O dan weigert 't Moederharte,

Harer kind'ren hulde niet.

ocr page 363

343

Zie clan van uw hemelzetel,

Moeder van den Opperheer,

Op uw hier vergaarde kindren Met uw téed're liefde neêr:

Schoon bewust van vele zonden,

Schoon met zware schuld belaan, Smeeken wij, — hoor toch genadig, Onzen zwakken lofzang aan!

Zie toch, Hemelkoninginne!

Zie ons innig harteleed Over 't kwaad van ons uw kindren,

Dat uw Zoon eens lijden deed. 't Is mijn zonden die uw Jezus

Weer zijn doornenkrone vlecht, Zij heeft Hem ontaard gegeeseld,

En aan quot;t schand lijk kruis gehecht.

Ach, verwerf ons nu vergeving.

Door uw zoete moederstem;

Want één woord, één zucht uws harten.

Heeft de grootste kracht op Hem. Toon Hem al zijn hitter lijden,

Toon Hem quot;t Bloed dat Hij vergoot; Wijs Hem op zijn wreede wonden.

Wijs Hem op zijn' bitt'ren dood.

ocr page 364

344

12.

De Kinderen van Maria.

Wij allen zijn Maria's kiud'ren,

Onder 't Kruis nam zij ons aan !

Zijn wij bij haar, niets kan ons hind'ren, En onz' harten zijn voldaan!

Maria,

Allen zijn wij uwe kind'ren;

Maria,

Zie ons als Moeder aan.

We aanschouwen U, met de armen open, De hand omstraald met Gods genadelicht;

Wat mag uw kind van ü niet hopen ? God heeft uw troon naast Zijnen troon gesticht. Wij allen zijn Maria's kind'ren: enz.

Een sterrenkrans blinkt om uw slapen. Uw glans verdooft den felsten zonnegloed; Ge ontneemt der gramschap Gods het wapen, Door haar te toonen Jezus' Hartebloed, Wij allen zijn Maria's kind'ren: enz.

De wereld stoft op brooze goed'ren.

Roemt 't schijngeluk, dat hare slaven vleit;

Maar Gij, o Moeder aller moed'ren,

Hebt uwen kind'ren hooger heil bereid.

Wij allen zijn Maria's kind'ren: enz.

ocr page 365

345

Boei steeds ons hart en geest en zinnen, O Koningin van 't zalig hemelhof ;

Dat wij, naast Jezus, U beminnen, En kinderlijk verheften uwen lof.

Wij allen zijn Maria's kind'ren : enz.

13.

Vreugd der kinderen van Maria onder hare bescherming.

Kind'ren van Maria,

Zwaait de zegevaan;

Zingt het alleluja,

Nooit kunt gij vergaan!

Uit haar Moederhlikken Straalt een zachte glans,

Als het morgenblozen

Langs den gouden trans.

Kind'ren van Maria, enz.

Boven alle liefde,

Is de liefde teer

Van uw heilig Harte,

Moeder van den Heer!

Kind'ren van Maria, enz.

Blijde ster der zeeën Licht ons vredig voor,

Toon ons naar den Hemel 't Eenig veilig spoor.

Kind'ren van Maria, enz

ocr page 366

34G

Moeder van den Heiland Pronkstuk der natuur, Troost ons met uw liefde

In ons stervensuur. Kind'ren vau Maria, enz.

14.

Ave Maria.

Wees gegroet, op kindertoon.

Wees gegroet, Maria, Moeder Van Gods eengeboren Zoon,

Onzen Heiland en Behoeder, U die onze Moeder zijt, 1 ^

U, zij ook mijn lied gewijd. j

Vol van gratie noemde U God,

Vol van gunsten en genaden; O waarquot; dit ook hier mijn lot

Op de smalle levenspaden! Moeder Gods, o bid voor mij, 1 Dat ik die steeds waardig zij. J

bis.

lis.

God is met U, welk een eer!

Wie zal H dan tegenstreven? O mocht ik ook voor den Heer,

Zooals Gij, o Moeder, leven. Bid, Maria, bid voor mij, Dat Gods eer mijn streven zij. J

ocr page 367

347

Heerlijk blouk reeds in uw jeugd Uw onwrikbaar Godvertrouwen; God beloonde uw stille deugd;

Koos U boven alle vrouwen. Bid, Maria, bid voor mij, 1 Dat ook ik gezegend zij. ) quot;

Ook uw goddelijke Zoon,

Onze Heer zij mij ten zegen; Stroom' Zijn liefde eu gunstbetoon

Op uw smeekgebed mij tegen. Moeder Gods, o bid voor mij, | ^ Dat uw Zoon mijn Heiland zij.J

Lieve Moeder, o mijn vreugd,

Bid voor mij, o bid voor allen, Die door godsvrucht, reine deugd,

Streven naar uw welgevallen. Bid voor ons iu allen nood. ] ,.

T-, . . lil

En in t uur van onzen dood. J

15.

Stella Malutina,

Ora pro nobis.

O Morgenster, die uit de wolken, Met ongekenden luister straalt, Gij zijt de vreugd van alle volken, Op wie uw licht thans nederdaalt! Wij zingen U het jub'lend tegen;

ocr page 368

348

Gij brengt ons vrede, liemelzegeu,

Omdat door U het Zonlicht daagt,

Waarin al de eng'len adem halen, Waaruit uw luister voort moet stralen, O, nooit bevlekte Moedermaagd!

Door TJ zal eeus dat Zonlicht dagen, Maar zonder pracht of majesteit;

Gij zult den God des levens dragen, In stilte en in ootmoedigheid!

Maar toch het duister aller zonden, Wordt eenmaal door dat licht verslonden, Dat alle glorie in zich draagt!

Zóó zijt Gij vlek:loos zelfs ontvangen. Bij 't ruischen aller eng'len zangen, O, wondervolle Moedermaagd!

O, Morgenster, als we U aanschouwen, Terwijl Ge op ons uw stralen richt. Gevoelt ons hart een zoet vertrouwen. Op uw zoo zacht en troostend licht! Want als wij lijden, als wij treuren,

Doet Ge ons het hoofd ten hemel beuren, Waar eens voor ons de glorie daagt! Als wij geheel, met ziel en zinnen. De bron van alle licht beminnen, O, nooit bevlekte Moedermaagd!

Bestraal hen, die in 't duister dwalen, Ach smeek voor hen dat god'lijk licht, Dat U in eindelooze stralen.

ocr page 369

349

Steeds toestroomt van Gods Aangezicht; Toon ons den weg ten eeuw'gen leven, Blijf immer stralend vóór ons zweven;

Maar wat ons hart vóór alles vraagt: Schenk ons in quot;t angstvol stervensduister, Een blik op uwen hemelluister,

O, nooit bevlekte Moedermaagd!

16.

De Groet des Engels.

Wij groeten TJ, Maria nooit volprezen,

Gij vol gena, en met U is de Heer;

Want Hij heeft U tot Moeder uitgelezen,

Op ü zag Hij niet welbehagen neer. (bis.)

Wij groeten ü, die boven alle vrouwen,

Als Moeder-Maagd, van God gezegend zijt:

Wij bidden U met kinderlijk vertrouwen,

U, onze hoop, en toevlucht voor altijd, (bis.)

Gezegend zij door alle hemelkoren.

Gezegend zij de Vrucht van uwen schoot.

Die 't hulpgeschrei der wereld wilde hooren, En door Zijn komst haar redde uit zonde eu

dood. (bis.)

O Moeder Gods, wil voor ons zondaars spreken, Maria, zie in allen nood ons aan;

Maar dan vooral, als eens onze oogen breken, Wil dan op ons uw Moederblikken slaan, (bis.)

ocr page 370

350

17.

Opdracht van ons hart aan Maria

Laten wij ous thaus verblijden.

Zingen tot Maria's eer,

Dankbaar nu ons harte wijden Aan de Moeder van den Heer. (bis.) O Maria, zie, ik nader vol betrouwen tot uw troon; Spreek voor ons bij onzen Vader, en bij Jezus,

uwen Zoon.

Laat ons de Moeder Gods, laat ons Maria loven; Want Zij, de hemelmaagd, die Satan's macht

verwon.

Ze is schooner dan de maan, gaat sterrenglans

te boven,

En voor haar luister wijkt het stralend licht der zou.

Lieve Moeder, wees geprezen Voor het goede, dat Ge ons doet; Wat, wat heeft nw kind te vreezen, Dat Gij dag en nacht behoedt?

Laat ous luid uw liefde prijzen, vol van ijver

voor uw eer; Altijd moet ons danklied rijzen voor de Moeder

van den Heer.

Laat ons Maria's hart, zoo vol van teederheden. Laat ous dat Moederhart, dat ons zoo trouw

bemint.

Vereeren dag aan dag, met lofzang en gebeden ; Ach ! dat het over de aard' toch wederliefde vind'!

ocr page 371

351

Moeder, hoor, voor heel ous leven Wijden wij ons aan uw Hart;

Wil ons daar een sclmilplaats geven Bij gevaar, in vreugd en smart, (bis.)

Voer ons liart steeds op naar boven, maak het

aan uw Hart gelijk, Ja, dan zullen wij ü loven in het zalig hemelrijk.

18.

Bede tot Maria.

Bloem der maagdelijke zeden,

Moeder waar geen schuld in woont.

Koningin vol teederheden,

Met een sterrenkrans gekroond!

Ver, ver boven de eng'lenzalen

Straalt Gij, Maagd! in :t hemelsch land In een kleed van gouden stralen,

Aan des Konings rechterhand.

Lieve Moeder vol genade,

Aller toevlucht, Ster der Zee,

Na de schipbreuk, na de schade

Onzer zielen een'ge reê!

Deur des hemels , hulp der kranken.

Ach, verwerf bij uwen Zoon,

Dat ik eeuwig Hem moog' danken Neêrgebogen voor Zijn troon.

ocr page 372

352

19.

Naam van Maria.

Maria, van mijne kindsche jaren,

Klonk mij uw naam zoo streelend schoon ; Hij schonk mij 't hoogste welbehagen

Met dien van Jezus uwen Zoon. Die Namen zijn als melodieën.

Een bron van aardsclie zaligheid.

Gepaard met 's hemels harmonieën Een klank die 't eeuwig Sion vleit.

O Gij Maria, mij zoo teeder.

Gij Moedermaagd zoo zoet en zacht, Aan uwe voeten kniel ik neder,

Bescherm mij Moeder, dag en nacht. Na uwen Zoon, o lieve Moeder,

Na Jezus voor mijn hart zoo zoet; Na mijnen God en Albehoeder Bemin ik U, als 't hoogste goed.

Blijf mij, Maria, zóó bewaken

Dat 'k nooit een struikelsteen ontmoet, Laat nooit de duivel mij genaken'

Of plet zijn kop met uwen voet.

ü laat mij, bij mijn laatste zuchten.

Als 't stervensuur voor mij zal slaan, Met U uit deze wereld vluchten.

Met ü naar uwen Jezus gaan.

ocr page 373

353 20.

Maria troost ons.

Moeder des Heeren,

U wil ik eeren,

Toevlucht voor quot;t hart, lu smart.

Zachtste der vrouwen, 's Werelds vertrouwen, Eindeloos goed. | En zoet. j bis-

Gij schenkt den vrede aan 't bajig geweten.

En kracht bij 't nijpen van den nood, Gij slaakt der zonden slavenketen Eu redt de ziele van den dood.

Moeder des Heeren, enz.

Uw zachte band droogt onze tranen

Uw moedernaam heelt alle weê, —

O Star op 's werelds donk're banen Gij wijst den weg ter veil'ge reé.

Moeder des Heeren, enz.

Wie, Moeder, is tot U gekomen

Eu keerde weder, onverhoord? ■

De tranen houden op te stroomen

Bij 't ruischen van uw zalvend woord. Moeder des Heeren, enz.

23

ocr page 374

354

In uwe haudeu ligt mijn leven,

Met al ziju vreugde en lijdeusweê; O blijf mij troostend ommezweven, Tot ik aanschouw de heirge Steê. Moeder des Heeren enz.

21.

Aan Maria.

Maria, mijne Moeder,

Mijn troost, mijn toevluchtsoord,

Uw Zoon is mijn Behoeder Die immer U verhoort.

'k Wil eeuwig U beminnen, O groote Koningin,

Prent in mijn hart en zinnen U en uw Jezus in.

U zoeken te gelijken,

Is plicht voor wie U mint;

Zich met uw deugd verrijken, Zij 't streven van uw kind. 'k Wil enz.

O beeld der schoone liefde Maria, Jozefs Bruid,

Als ooit ons leed hier griefde Goot Gij uw balsem uit.

'k Wil enz.

ocr page 375

Wij vallen aan uw voeten, Neem ons genadig aan.

Ontvang onz' laatste groeten Voor dat wij huiswaarts gaan. 'k Wil enz.

22.

Salve.

Wij groeten TJ, o Koningin, Gij onze hulp en zielsvriendin,

Ekfeeik.

Verheug U Englenrei,

Met 't Heilgenkoor daarbij.

Juicht met ons op 't feestgetij. Salve, salve, salve Regiua.

O Moeder, vol barmhartigheid, Gij onze troost en zoetigheid.

Wij, Eva's kind'ren, bidden luid En zien naar U om bijstand uit,

Want. wat al tranen 'zonder tal, Vergieten we in dit tranendal,

Zie hier uw kind'ren voor U staan. Ach, neem hun beden gunstig aan.

ocr page 376

356

Zie uit uw liooge hemelsfeer, Erbarmend op ons allen neêr.

Ja toon dat Ge onze Moeder zijt, In 't bangste uur van :s levensstrijd,

En als Ge ons voor Gods vierschaar ziet. Verlaat, o Moeder! ons dan niet,

Maria's Hemelvaart.

Hoe. versmachtte uw Moederharte

Naar uw goddelijken Zoon,

Sinds Hij in Zijn eeuw'ge glorie

Zetelt op Zijn hemeltroon!

Sinds het eeuwig: „Heilig, Heilig!quot;

's Wereld's smaad en hoon verving, Sinds Hij U in 't rijk der heemlen De eerste plaats bereiden ging!

Ach, hoe moest uw Harte bloeden

Serafijnsche Moedermaagd,

Toen Gij 't voorwerp van uw liefde

Uit uw oog verdwijnen zaagt! Neen, Gij moogt niet langer rusten Aan Zijn minnend godd'lijk Hart, Jezus, is uw liefde ontnomen, - -Gij blijft achter met uw smart.

ocr page 377

357

Neen, Gij bleeft niet eenzaam achter In dit aardsche ballingsoord;

Jezns' Hart .blijft ü beminnen,

Jezus heeft uw klacht gehoord.

Zie, hoe 't heir der zalige eng'len Nederdaalt uit 's hemels woon,

Om U 't „Avequot; toe te zingen,

En te voeren voor Gods troon.

Rust mi zacht aan Jezus7 Harte, Moeder van het eeuwig Woord.

Zing nu blij ter Zijner eere Met der eng'len lofakkoord.

Maar gedenk ook ons uw kind'ren Die Gij voortbracht onder 't Kruis,

Dat we eens met U opwaarts stijgen Naar het eeuwig Vaderhuis.

24.

Aan Maria.

Dorenboze Hemelroze,

Koningin des Rozenkrans, Ach, blik teeder Op ons neder Uit den hoogen hemeltrans.

Uitverkozen

Krans van rozen

ocr page 378

358

Geuren de eng'leu om uw troon; Of wij leven

Mochten, zweven, Medeprijken in die kroon.

Maar nog streng'len Wij met de eng'len Hier uw lieilrgen Eozenkrans; Wil ons laven Met uw gaven,

Leen aan ons uw glorieglans.

Want zij welken Onze kelken,

Kwijnend in dit dal van smart, In dit duister Strale uw luister Vreugden in ons droevig hart.

Eenwig bloeit gij.

Eeuwig gloeit gij In den hemel-rozengaard; Balsemgeuren,

Zonnekleuren Spreide uw bloemkelk over de aard.

Hof gesloten.

Overgoten Met genadedauw zoo schoon,

Laat de regen

ocr page 379

359

Van Gods zegeii Op ons dalen nit uw troon.

Dan, Vorstinne,

Koninginne Van den lieilgen Eozenkrans,

Zult Ge ons roemen:

..Mijne bloemenquot;;

Plant Ge ons boven 's hemels trans.

In uw lusthof

— Zoete rusthof — 't Onverwelkbaar, eeuwig Thans, Waar wij, krone Om uw trone,

filoeien in uw glorieglans.

25.

Aan Gods Moeder.

Alle dagen Zal ik vragen Moeder van Gods eigen Zoon; Dat door lijden En door strijden; Ik verdiene 's hemels loon.

Voortgedreven Door het leven.

Van den tijd naar de eeuwigheid.

ocr page 380

360

Ga 'k verborgen Zonder zorgen,

Van uw mantel overspreid.

Hangen wolken Op de volken Zwart van jammer, dood en weê, Slaan de vloeden Fel aan 't woeden, Bij de hooggezweepte zee____

Dan uw oogen Naar den Hoogen,

Eoept de star der zeeën aan, Door gevaren,

Wind en baren Wijst Zij hun de haven aan.

Ach! wij dorden Nauw geworden Loten van een zieken stam,

Daar de zonde Diep reeds wondde, Eer nog 't kind ter wereld kwam.

Maar genezen Ja herrezen, — Weêrgeboren uit uw schoot,

Kwam een leven Óns doorstreven, Vrijgekocht vau zonde en dood.

ocr page 381

361

26.

Laatste hulde aan Maria.

Wonderschoon, prachtige, Wondergroot, machtige,

Lieflijk volzalige, hemelsche Vrouw! Die mij als eigen kind.

Moederlijk teer bemint,

ü blijft mijn harte voor eeuwig getrouw. Goed bloed en leven Wil ik U geven;

Alles, ja al wat ik ben van af nu.

Geef ik met vreugde Maria aan U.

Sterren omglanzen ü,

Zonnen omkransen U,

Troostende ster in de nachtelijke vaart, Voor de besmeurende,

't Leven verbeurende Zondesmet hoeft LT Gods almacht bewaard; Zalige Moeder,

Jezus, mijn Broeder,

Heiland en Redder van Adam's geslacht, Hebt Gij uit Sion op aarde gebracht.

'k Min ü met ziel en zin, Hemelsche Koningin,

Wonderbaar Moeder en Maagd te gelijk! Sterkte der strijdenden,

Zalving der lijdenden,

ocr page 382

362

Levende bron in vertroostingen rijk! ü, o getrouwe,

Machtige Vrouwe,

Schouwen wij hopend en rouwmoedig aan, Moeder, ach voer ons op zekere baan!

Gij zijt én heil én troost.

Voor quot;t U steeds minnend kroost, Vorstin des hemels en Moeder van God! Spiegel der heiligheid,

Gij, onze veiligheid,

Ark des verbonds en geleidster tot God! Blik op mij neder.

Moeder zoo teeder,

Wend nooit uw moederlijke oogen van mij, Leer mij in ootmoed zoo wand'len als Gij.

Gij minnenswaardige.

Altoos hulpvaardige Redster bij rampen en grievende smart. Niemand verliet Gij ooit,

Kind'ren verstiet Gij nooit;

Niemand verachtte ooit uw moederlijk hart; Troost ons in quot;t lijden.

Sterk ons in 't scheiden.

Bid ook voor ons uwen Godlijken Zoon, Als Hij ons roept voor Zijn' eeuwigen troon.

ocr page 383

GEZANGEN TOT DEN H. JOZEF.

i.

Dat Jozef leev'!

Dat Jozef leevquot;! die naam wekt stil vertrouwen, Dat Jozef leev'! die naam versterkt ons liart. Dat Jozef leev'! zijn troost'rijk beeld te aanschouwen,

Stemt ons tot vreugd, zijn naam verjaagt de smart. Dat Jozef leev' 1 {bis).

Dat Jozef leev'! zoo zingen de engelenscharen. Dat Jozef leev'! zoo zingt heel de aarde mee. Dat Jozef leev'! geknield voor Gods altaren, Schenkt Jozefs beeld de ziele zoete vreê. Dat Jozef leev'! (bis).

Dat Jozef leev'! o naam, dien we allen minnen. Dat Jozef leev'! die naam roept ons tot deugd, Dat Jozef leev'! die naam leert ous verwinnen. Geleidt ter kroon in de eindelooze vreugd. Dat Jozef leev' I (bis).

Als eens mijn ziel in 't rijk der zaligheden Den palm behaalt der strijders van het Kruis, Dan is 't uw naam, o Jozef! 't zijn uw beden, Die 'k loven zal in 't eeuwig Vaderhuis.

Dat Jozef leev'. (bis).

ocr page 384

3.G4

De H. Jozef onze beschermer.

Leev' Jozef, Voedstervader Van Jezus onzeu Heer! Wij treden biddend nader En knielen voor n neêr. Gij draagt op vaderarmen Het god'iijk Jezu-kind, Wil onzer u erbarmen,

O dierbre zielevrind.

Eiclit, Jozef, onze dagen.

En schik ons verder lot Naar Jezus' welbehagen

En Godes heilgebod.

Wil door uw zorg ons geven,

O zeek're toeverlaat!

Dat we onzen roep beleven, | ^ En heü'gen onzeu staat, j

Blijf Jozef ons tot Vader,

Bewaak ons Nederland,

Leid ons tot ezus nader,

Spreid vrede langs ons strand. Blijf quot;t Vaderland ten hoeder, Ten schild in ied'ren strijd^ Eu blijv' het oude Neêrland, | ^ Aan Christus' dienst gewijd. J

ocr page 385

365

3.

De H. Jozef en het Goddelijk Kind.

Hoe ontroerd, o eed'le Grijsaard,

Zit gij naast de Moedermaagd,

Die op 'tkripje ligt gebogen,

Dat haar slnim'rend Kindje draagt! Heil'ge Jozef, uitverkoren Tot beschermer van den Heer! Zeg, — waarom ziet ge in de kribbe Met een' droeven glimlacli neêr?

„Groote God/? roept hij verteederd, „Vorst der vorsten, welk een troon! „Ach, vergeef het! 'k heb niets anders, „Dan die kribbe voor uw Zoon....quot; Treurend blijven de oogen staren,

In de kribbe van het Kind; —

„'k Heb niets anders, godd'lijk Kindje, „Hoe mijn hart U ook bemint.quot;

Zuchtend, zwijgt hij ; maar do Kleine Voelt zijn sluimering verstoord.

Want al slapend, heeft zijn Godheid Jozefs klachten aangehoord.

Jozef ziet het, en omhelzend.

Drukt hij, — uur van zaligheid! Aan zijn jagend hart het Kindje,

Jezus, Vorst van Majesteit.

ocr page 386

366

Heil'ge Jozef! zie, wij komeu Nederknielen iu deu stal;

Naast Maria, voor liet Kindje,

Voor deu Schepper van 't Heelal. Leer ons, trouwe, heil'ge Grijsaard, Leer ons bidden tot dieu God;

Leer ons zijne wet volbrengen, Luist'ren naar zijn heilgebod.

4.

Beds tot den H. Jozef.

O Jozef, Voedstervader

Van Jezus onzen Heer, Wij treden biddeud nader

Eu knielen voor ü neêr. Want in uw vaderarmen

Draagt Gij het godd'lijk Kind, 't Zal onzer zich erbarmen. Wijl 't uw gebed bemiut.

Wil, Jozef, voor ons vragen,

Dat wij in 's levens lot. Ons naar zijn wil gedragen. Getrouw aan zijn gebod. Wil door uw beê verwerven

O trouwe toeverlaat, Dat wij den hemel erven, Als eens ons sterfuur slaat.

ocr page 387

367

Wij smeeken U te gader, Patroon van Nederland, Blijf, Jozef, ons ten vader,

Bescherm 't U dierbaar pand; Vraag ous, met Jezus' Moeder,

Zijn liulp in allen nood, Eu blijf ons trouw ten hoeder Van nu tot in den dood.

5.

Smeekgebed tot den H. Jozef.

Heil'ge Jozef! trouwe Hoeder

Van uw godd'Iijk Voedsterkind, Die uw Jezus heel uw leven

Onuitspreek'lijk hebt bemind: Heil'ge Jozef! vraag dat wij |

Hein beminnen zooals Gij.

Heil'ge Jozef! die uw' Jezus In uw stulpje bij U hadt,

Vaak van d'arbeid tot Hem opziend,

Stil en innig Hem aanbadt; Heil'ge Jozef! vraag dat wijj , . -Jezus dienen zooals Gij.

Heil'ge Jozef! door Gods Zone In uw need'rig werk verlicht

ocr page 388

368

Daar Maria 't oog vol liefde

Op haar Kind en Brnigon; richt: Vraag dat in hun bijzijn wij] ,i ■ \ Ons verblijden zooals Gij. ( nS''

Heil'ge Jozef ! die in de armen

Van uw Bruid en Pleegkind stierft, Eu voor uw getrouwe liefde

't Eeuwig hemelloon verwierft: Heil'ge Jozef! vraag dat wij j , . s Zalig sterven zooals Gij. i

6.

flan den H. Jozef.

Beschermer der Kerk.

Wees gegroet, o Voedstervader,

Van Gods menschgeworden Zoon, Duld dat ik ü heden nader En ü mijne hulde toonquot;; U, Patroon der Kerk verklaard.

Door haar zichtbaar Hoofd op aard.'

Wees gegroet, o trouwe Hoeder Van Gods uitverkoren Maagd, Hoed de Kerk, ons aller Moeder,

Die van U thans bijstand vraagt,; Zie, hoe Jezus' Bruid nu lijdt. Eed haar uit haar bangen strijd.

ocr page 389

369

O Beschermer, help haar strijden,

Tegen 's vijands lielsche macht. Die haar immer zal benijden,

Dat zij steunt op Jezus' kracht ; Eed de Kerk, o Jozef zoet,

Eens gesticht in Jezus' bloed.

Help ons in dit treurig leven,

In dit droevig lijdensoord.

Toon ons 's hemels schoone dreven,

Waar geen smart meer 't harte stoort; Ach versmaad het ned'rig lied Van der Kerk getrouwen niet.

ocr page 390

370

GEZANGEN TOT MARIA,

Koningin van den H. Rozenkrans,

O. L. V. van den H. Rozenkrans.

Sclioou zijt Gij, o liemelroze, Bals'mend door uw zoeten geur:

Sions docht'ren, U bewond'rend Bloeiende in de rozenkleur Eu het leliewit der dalen,

Hebben zalig U geuoemd,

En een schaar van Koninginnen U haar Koningin geroemd.

Wat mag sierlijker ü tooien, Koningin naast Jezus' troou; Wat gebed IJ meer behagen Dan de rozen-bedekroon ?

Dan de bloemkrans der geheimen, Dien van uit uw hemelglans Gij uw kind'ren leerdet streng'len In den heiTgen Rozenkrans?

Aan Dominicus, den Heil'ge,

Schonk uw milde moederhand 't Machtig onverwin'lijk wapen, Schitt'rend als de diamant. En Dominicus de Heil'ge,

Heeft uw gave aan de aard verkond Beden, jubel voor het harte.

Beden, honig voor den mond.

ocr page 391

371

Heil ü, vlekk'loos blauke roze In toet wit der maagd'lijkheid!

Koos, die met liet godd'lijk Zoenbloed Onder 't Kruis gepurperd zijt!

Koos, verguld door 'tgouden zonlicht! Dat daarboven U omspeelt!

Die door :t geuren der geheimen 't Minnend kinderharte streelt.

O, niet vruchtloos, bloem des hemels, Heeft U 's Konings eigen hand,

In de Jerichoosche velden Langs deu watervloed geplant;

Langs de waat'ren der beproeving, Stortend over 't lijdend hart,

Biedt ge uw bloemkelk ons ter rustplaats Zielsverkwikking in de smart.

Teed're Moeder, Koninginue,

Stralend in uw sterreglans!

Hoor de beden uwer kind'ren In den Heil'gen Kozenkrans. Moge uw Kozenkrans ons leiden.

Koos, die zonder doornen groeit, Langs het doornig pad des levens. Tot waar 's hemels lusthof bloeit.

ocr page 392

372

1.

DE VIJF BLIJDE GEHEIMEN.

Eerste blijde Geheim.

De Boodschap des Eng-els.

Volsclioone Stad der bloemen,

Bevoorrecht Nazareth !

Geen stad mag naast U roemen,

Geen goud zoo zonder smet; Gij droegt de Vlekkelooze, De schoonste lenteroze,

Maria, Maria.

Als geur van frissche rozen,

Stijgt stil uit Nazareth,

Naar 's hemels morgeublozen,

Het maagdelijk gebed;

Maria doet de stralen Der Heilzon nederdalen,

Maria, Maria.

Daar komt Hij nederdalen. De bode van het Licht; Hij buigt zijn gouden stralen

En heilrijk aangezicht; Hij huldigt zijn Vorstinne, De Hemelkoninginue,

Maria, Maria.

Hoe jub'leu alle sferen In 't vreugdevol akkoord :

ocr page 393

373

„Mij, dienares des Heeren,

Geschiede uaar uw woord.quot; Groet, al wat leeft, de Moeder Van Jezus' uwen Hoeder, Maria, Maria.

De koningsdocliter prijke

Met gouden staf en kroon. Doch Gij, genaderijke,

Zijt in uw ootmoed schoon. Gegroet, o kroon der vrouwen O ster van ons vertrouwen, Maria, Maria.

Tweede blijde Geheim.

Maria's bezoek bij Elisabeth.

Maria, zie wij treden Met loflied en gebeden,

Waar nog uw stille schreden In 't heilig bergpad staan.

Ons hart volgt alle paden,

quot;Waar Gij met liefdedaden, Bekroond met heilgenaden, Elisabeth bezoekt.

't Zong alles langs uw wegen Van redding, heil en zegen, De palm en wijngaard negen Vol vreugde en diep ontzag.

ocr page 394

374

O, Maagd, in 'tstof gebogen! Elisabeth, bewogen,

Joannes, opgetogen.

Volprijzen reeds uw naam.

Straks zullen volk'ren rijzen, Met koningen en wijzen üw deemoed zalig prijzen.

Verborgen Moederujaagd.

Ootmoedigste der vrouwen,

Bekroon ons stil vertrouwen;

O, geef ons God te aanschouwen In 't hemelsch Paradijs.

Derde blijde Geheim.

Jezus' Geboorte.

De God der Schepping daalde neèr In 't vleesch der stervelingen.

Geef aarde, geef Zijn grootheid eer Met al de Geestenkringen.

Aanbid Zijn liefde, o aardsch geslacht! Uw God. in ?t vleesch verschenen, Heeft vrede aan 't aardrijk weergebracht En heilgena met eenen.

O nacht, waarvoor de glans verdwijnt Der volle middagstralen!

Welzalig wien uw licht beschijnt, Welzalig dnizendmalen I

ocr page 395

375

De Heer der Schepping daalde op de aard! Eer de Almacht in den Hooge!

Het rijk des quot;levens is herbaard Door d'opslag van Zijn oogen.

O God, Gij werdt aan ons gelijk! Als Mensch voor ons geboren Geeft Ge ons het hoogste liedeblijk,

Voor 't oog der englenkoren:

De hemel werd met de aard vereend ! „Een Zoou is ons gegeven!quot;

Triomf! ons hart heeft uitgeweend, Die Zoon hergeeft ons 't leven.

Juicht, heem'len, galmt het zegelied Van vrede en welbehagen ;

De wraak der Godheid is te niet,

Wij van den vloek ontslagen!

Ziet hier den Schepper van 't Heelal Met schepslenstof omgeven!

Zijn deernis met der scheps'len val Hergeeft ons allen quot;t leven.

Wat voelt gij, teed're Jloedermaagd,

Aanbiddend neergebogen ?

Uw reinheid heeft aan God behaagd

En d' engelen uit den hoogen.

Hoe staart uw oog op 't godd'lijk Wicht,

Dat, om ons aller zonden,

Hier in een schamel kribje ligt,

Met nietig doek omwonden.

ocr page 396

376

Juicht, heem'leu, galmt het zegelied Van vrede en welbehagen;

De wraak der Godheid is te niet, Ons levenslicht mocht dagen!

Maria heeft den Zoon gebaard, Die, God uit God geboren,

Den vloek verdwijnen doet van de aard Tot vreugd der englenkoren.

Vierde blijde Geheim.

De Opdracht van Christus in don Tempel.

Juich, Sions hooge woning,

De blijde morgen daagt:

Groet uw Profeet en Koning In quot;t Kind der Moedermaagd.

Heilige Maria, Heilige Maria,

Toon ons eenmaal van uw troon,

Jezus uwen lieven Zoon.

Die opgaat langs uw drempel Is meer dau Salomon;

Aggëus zag uw tempel In 't goud dier Vredezon.

Heilige Maria, enz.

Hoe gaat de Hemel open Nu Simeon dien Vorst,

In wien de volk'ren hopen,

Op bevende armen torst!

Heilige Maria, enz.

ocr page 397

377

Maar 's grijsaards mond spelt lijden

En diepe zielesmart;

Zoo scherp zul quot;t wee-zwaard snijden

Door 't heilig Moederhart.

Heilige Maria, enz.

O Moeder, hoe vol liefde

Droegt Gij toen 't zuiver Lam, Dat schuld'loos 't hart doorgriefde,

Waaraan Het rusten kwam. Heilige Maria, enz.

Vijfde blijde Geheim.

De wedervinding- van Christus in dou Tempel.

Wat zijn bij quot;t lied der pelgrims De wegen Sions schoon!

Maar ach, wie troost Maria?

Zij derft haar lieven Zoon.

Wat zijn de lentestralen Der zonne zonder Hem?

Wat alle blijde zangen Bij zijne zoete stem ?

Zij zoekt Hem allerwegen.

Haar eenig dierbaar Kind.

..Ach! hebt gij Hem gevonden.

Dien heel mijn ziel bemint?quot; —

Maar al die blinde pelgrims Zij zagen Jezus niet;

ocr page 398

278

hebben, en vragen wij er, uit den grond van ons hart, aan God vergiftenis over.

Akte van Berouw.

O God van oneindige barmhartigheid, uit den grond onzes harten beweenen wij de zonden, die wij dezen dag en in ons vorig leven bedreven hebben. Ook is het ons innig leed, dat wij zoo vele gelegenheden, om in uwe liefde te vorderen nutteloos hebben laten voorbijgaan. Dit alles is ons leed, o God! niet zoozeer uit vrees voor de straf, maar uit liefde tot U, omdat wij U, de opperste Goedheid beleedigd, en ons jegens U ondankbaar getoond hebben ; dan, voortaan zullen wij ü getrouw blijven. Geef ons hiertoe uwe heilige genade. Door Jezus Christus onzen Heer. Amen.

Aanroeping' van Jezus, Maria, Jozef.

Jezus, Maria, Jozef, ik geef U mijn hart en mijne ziel.

Jezus, Maria, Jozef, sta mij bij in mijn doodstrijd.

Jezus, Maria, Jozef, geeft dal ik in Uw gezelschap in vrede sterve.

(300 dagen aflaat voor iederen koer. Deze aflaat kan meu aan de geloovige zielen toevoegen. Pins VII. 1807.)

(feestelijke Counnuuie.

Kom, Heer Jezus, ik bemin ü, ik verlang naar U, kom in mijn hart: ik bind mij aan ü, ik vereenig mij met [J, scheid ü nooit van mij af

ocr page 399

279

Gebed voor de overledene ledeii.

O tied, schenker der vergiffenis en minnaar van de zaligheid der menscheu, wij smeeken Uwe barmhartigheid, geef aan onze overledene broeders (zusters) der congregatie dat zij door de voorspraak van de H. Maagd Maria en den H. Jozef, met al uwe Heiligen, tot de gemeenschap der eenwige zaligheid mogen geraken. Door Jezus Christus onzen Heer. Amen.

Gebed voor de zieken.

Almachtige, eeuwige God, altijddurende zaligheid der geloovigeu; wij smeeken U om den bijstand uwer barmhartigheid voor de zieken onzer congregatie. Verhoor onze gebeden, opdat zij in de gezondheid hersteld, U en de H. Kerk hunne dankbaarheid mogen bewijzen. Door Christus onzen Heer. Amen.

5 Weesyeyroeten volgens de afyekondigde intenties.

Ps. 112.

Laudate pueri Dominum, laudate nomen Do-mini.

Sit nomen Domini henedictum, — ex hoc nunc et usque in sfficulum.

Laudate pueri, etc.

A solis ortu usque ad occasum, — laudabile nomen Domini.

Laudate pueri, etc.

Excelsus super omnes gentes Dominus, — et super coelos gloria ejus.

Laudate pueri, etc.

ocr page 400

280

Quis sicut Dominus Dens noster, qui in altis habitat, — et Immilia respicit in ccelo et in terra? Landate pueri, etc.

Snscitans a terra inopem, — et de stercore erigens pauperem.

Laudate pueri, etc.

Ut collocet eum cum principibus, — cum priu-cipibus populi sui.

Laudate pueri, etc.

Qui habitare facit sterilem in domo, — matrem flliorum Itetautem.

Gloria Patri, etc.

Vóór den Zegen met het Heilig' Sacrament.

Tantum ergo Sacramen- Genitori Genitoque

tum Laus et jubilatio, Veneremur cernui; Salus, honor, virtus quo-Et antiquum documentum que

Novo cedat ritui; Sit et benedictie ;

Praestet fides supplemen- Procedenti ab utroque

turn Compar sit laudatio. Sensuum defectui. Amen.

v. Panem de coelo prsestitisti eis,

r. Omne delectamentum in se habentem.

Orenius.

Deus qui nobis sub Sacramento mirabili passion is tuce memo-riam reliquisti; tribue qufesumus; ita nos Corporis et Sanguinis tui sacra mysteria venenari, ut redemptionis tuae fnictum in nobis jugiter sentiamus. Qui vivis.....

ocr page 401

281

Adoreinus in aeternuin fSanctissimuiii Sacraiiicntum.

Ps. 11«.

Landate Dominum omnes gentes — landate eura omnes populi.

Quoniam confirmata est super oos misericordia ejus — et Veritas Domini manet in feternum.

Gloria Patri, etc.

Akte van toewijding- van een christelijk huisgezin aan de H. Familie.

(Uitgegeven op last van Z. H. Leo XlII.j

O Jezus, onze allerbeminnelijkste Verlosser, die van den hemel gezonden zijt om de wereld door leer en voorbeeld te verlichten, die liet grootste gedeelte van Uw sterfelijk leven in het nederig huisje van Nazareth hebt doorgebracht en door Uw onderdanigheid aan Maria en Jozef dat huisgezin geheiligd hebt, rot voorbeeld voor alle christelijke familiën, — neem dit ons huisgezin, hetwelk zich thans geheel aan U toewijdt, genadig aan. Bescherm en bewaar het; bevestig daarin een heilige vreeze voor IT, met den vrede en de eendracht der christelijke liefde, opdat het gelijkvormig worde aan het goddelijk voorbeeld van Uwe Familie, en aldus alle leden deelachtig worden aan de eeuwige gelukzaligheid.

0 liefderijkste Moeder van Jezus Christus en ook onze Moeder, Maria, bewerk door uwe liefde eu goedertierenheid, dat Jezus deze toewijding aanname en ons zijne weldaden en zegeningen schenke.

ocr page 402

282

O Jozef, heilige Berscliermer van Jezus en Maria, kom ous in alle behoeften naar ziel en lichaam door Uwe gebeden te hulp, opdat wij tegelijk met ü en met de allerheiligste Maagd Maria, eeuwigen lof en dank mogen brengen aan onzen Verlosser, Jezus Christus.

Gebed, hetwelk men dagelijks verrichten kan voor een afbeelding- der H. Familie,

(uitgegeven op last van Z. H. Leo XIII.)

O liefdevolle Jezus, die door de onuitspreke-lijke deugden en voorbeelden vau uw huiselijk leven, het door U uitverkoren gezin op aarde hebt geheiligd, zie genadig neder op ons huisgezin dat zich aan Uwe voeten werpt, en biddend Uwe genade afsmeekt. Gedenk, dat dit gezin U thans toebehoort, omdat het zich aan U door eene bijzondere toewijding heeft opgedragen en weggeschonken. Bescherm het genadig, red het uit de gevaren, help het in de nooden en schenk het kracht, opdat het volharde in de navolging van Uwe heilige Familie, en eenmaal, na getrouw te zijn gebleven in den tijd van dit aardsche leven, in gehoorzaamheid aan U, en in liefde voor U, in den hemel U eeuwig lofzinge.

O Maria, allerzoetste Moeder, wij smeeken U om uwe bescherming, vast vertrouwende, dat uw eeniggeboren Groddelijke Zoon uwe bede zal ver-hooren.

En ook Gij, glorievolle Patriarch, heilige Jozef

ocr page 403

283

kom ons met uwen machtigen bijstand te linlp en leg onze beloften in de banden van Maria, opdat Zij ze Jezus Christus aanbiede.

Een aflaat van 300 dagen kan dagelijks eenmaal verdiend worden door al degenen, die zich aan de heilige Familie toewijden naar het formulier door de Congregatie der Riten uitgegeven. Leo P. XIII.

Jezus, Maria, Jozef, verlicht ons, helpt ons, maakt ons zalig. Amen.

200 dagen aflaat. — Leo P. XIII.

ocr page 404

AKTE VAN TOEWIJ Dl NG

AAX

het Allerheiligst Hart ïan Jezus.

Allerzoetste Jezus, Verlosser van het menschelijk geslacht, zie neder op ons, die voor üw altaar in diepen ootmoed liggen neergeknield. De uwen zijn wij, de uwen willen wij zijn; maar om des te vaster aan u verbonden te kunnen zijn, daarom wijdt ieder onzer zich lieden vrijwilling aan Uw Allerheiligst Hart toe. — ü hebben wel is waar vele menschen nooit gekend; U hebben velen, door verachting uwer geboden, verstoeten. Ontferm ü over beiden, o liefdevolle Jezus en trek allen tot Uw Heilig Hart. Wees Gij Koning, o Heer, en niet enkel van de getrouwen, die nimmer van U zijn afgeweken, maar ook van de verloren zonen, die U verlaten hebben: maak hen zóó, dat zij spoedig tot het vaderhuis terugkeeren, om niet van ellende en honger te vergaan. Wees Gij Koning van hen, die of door dwaalgeloof bedrogen, of door oneeniglieid afgescheiden blijven, en roep hen tot de haven der waarheid en tot de eenheid des geloofs terug, opdat het spoedig worde één schaapstal en één herder. Wees Gij Koning eindelijk van al degenen, die in het oude heidensche bijgeloof verkeeren, en weiger niet hen van de duisternis op te eischen voor het licht en het Koninkrijk Gods. Verleen, o Heer, aan Uwe Kerk, de veilige en ongeschonden vrijheid; verleen aan alle volkeren de rust der orde; maak

ocr page 405

285

dat over heel de aarde één stem weerklinke: Lof zij aan liet Goddelijk Hart, door hetwelk ons het heil verworven is, aan Hem zij de heerlijkheid en de eer in eeuwigheid. Amen.

Deze toewijdig, kan men zeer geschikt bidden achter de litanie ter eere van het H. Hart van Jezus, hl. 35, aan ivelke litanie een aflaat van 300 dagen verleend is.

Leo xiii.

ocr page 406

286

BROEDERSCHAP VAN DEN H. ROZENKRANS.

Oorsprong- der Broederschap.

De H. Dominicus, insteller van den Rozenkrans, richtte, onder den naam van Broederschap, een vereeniging op van geloovigen, die zich te zamen verbinden om de H. Maagd te vereeren en aan te roepen door het hidden van den Rozenkrans en de overweging zijner Geheimen, en door de beoefening der deugden, die daarin geleerd worden.

Voorwaarden.

Om lid dezer Broederschap te werden is het noodig dat men zich door een Pater Dominikaan, of een Priester, daartoe door de Dominikaner-orde gevolmachtigd, in de registers der Broederschap laat inschrijven.

Verplichtingen.

Ieder lid moet elke week een geheelen Rozenkrans van 15 tientjes, of driemaal een Rozenkrans van 5 tientjes bidden, en daarbij, naar zijn vermogen, de Geheimen van den Rozenkrans overwegen.

Men kan ook op verschillende dagen den Rozenkrans bij gedeelten bidden, als men slechts zorgt 15 tientjes in den loop der week te voleinden. De verplichtingen verbinden niet op zonde, maar zijn een vereischte om aan de voordeelen der Broederschap deelachtig te worden.

Voordeelen en Aflaten.

De leden der Broederschap, die hun verplich-

ocr page 407

287

tingen volbrengen, deelen, bij hun leven eu na den dood, in de verdieusten van alle H.H. Missen, gebeden, boetplegingen eu goede werken van de geheele Orde der Predikheeren.

Bovendien hebben zeer veel Pausen de Eozen-kransbroederschap niet een schat van aflaten verrijkt. Eenige der voornaamste voor de leden zijn, mits zij gebiecht en gecommuniceerd hebben en bidden tot intentie van Z. H. den Paus; een Volle aflaat: ie. Op den dag hunner inschrijving. 2e. Op den eersten Zondag der maand, indien zij de kapel van den Eozeukraus bezoeken. 3e. In het uur des doods.

4e. a. Op de feestdagen 0. H: Paschen, Hemelvaart, Pinksteren en op twee Vrijdagen in de Vasten uaar verkiezing.

h. Op de feestdagen der H. Maagd: Onbevlekte Ontvangenis, Lichtmis, Boodschap, Visitatie, Ten hemel Opneming, Geboorte en Praesentatie, indien zij de Rozenkranskapel, een andere kerk of openbare bidplaats bezoeken.

5e. Op den 3en Zondag van April, H. Sacramentsdag, 't Patroonfeest der kerk, en op den Zondag onder het octaaf van Maria Geboorte; indien zij het Altaar van den Rozenkrans bezoeken en daar bidden tot intentie der Pausen, die dezen aflaat verleend hebben.

6e. Op de feestdagen der Geheimen van den Rozenkrans, indien zij de kapel van den Rozenkrans bezoeken.

7e. Indien zij den geheelen Bozenkrans bidden

ocr page 408

288

verdienen zij alle aflaten, die in Spanje verleend worden aan hen, die de Kroon der H. Maagd bidden. (Onder die aflaten is ten minste één volle aflaat begrepen.)

Se Op den eersten Zondag van October: Eozen-kransfeest. Al wie na liet ontvangen der H. Sacramenten, de kapel van den Rozenkrans bezoekt, van de le. Vespers af tot zonsondergang op den Feestdag zeiven, en daar bidt tot intentie van Z. H. den Paus, kan, zoo dikwijls hij dit verricht, telkens een vollen aflaat verdienen.

Deze aflaat is gegeven voor alle geloovigen, ook voor hen, die geen lid zijn der Broederschap.

Nota. lo. Alle leden, die ziek zijn, kunnen aan alle aflaten, ook zonder kerkbezoek, deelachtig worden, mits zij de overige voorwaarden, waartoe zij in staat zijn, volbrengen.

Xota. 2o. Alle leden, die in een college, seminarie of godsdienstig gesticht leven, kunnen alle aflaten der Broederschap van den Rozenkrans verdienen, zoo zij hun eigen kapel of bidplaatsbezoeken.

Xota. 3o. Wanneer voor den aflaat als ver-eisclue wordt gesteld: het bezoek der kapel van den Rozenkrans, kan men in Nederland op die plaatsen, waar zulke kapel niet is, volstaan met het bezoek der kerk, waar de Broederschap kanoniek is opgericht.

Gedeeltelijke AHaten.

le. Vijf jaren en vijf qnadragenen voor het godvruchtig uitspreken van den Z. N. Jozus op het einde van het „Wees gegroetquot;.

ocr page 409

289

2e. 100 dagen voor ieder Onze Vader en ieder Wees gegroet, (Hiervoor is noodig, dat de Rozenkrans door een Pater Dominikaan ol' een Priester, door de Dominikanerorde gemachtigd, gewijd is.)

3e. Eenmaal daags 10 jaren en 10 quadra-genen voor het bidden van liet Eozenhoedje.

4e. Eenmaal daags 100 jaren en 100 qnadra-genen voor diegenen, die ter eere van de H. Maagd den Rozenkrans bij zich dragen.

Gelieimcn van den Rozenkrans.

De Boodschap des Engels.

Het Bezoek bij Elisabeth.

De Geboorte van Christus.

De Opdracht van Christus.

De Wedervinding van Christus.

De Doodstrijd van Christus.

Do Geeseling.

De Kroning met doornen.

De Kruisdraging.

De Kruisiging.

De Verrijzenis.

De Hemelvaart van Christus.

De Nederdaling van den H, Geest.

De Hemelvaart van Maria.

De Kroning van Maria.

19

ocr page 410

290

8ENEDICTIO ROSARIORUM.

v. Adjutorinm nostrum, lt;!tc.

v. Domiiie exaudi, amp;c.

v. Dominus vobiscnra, amp;c.

Oremus.

Omuipoteus, amp; misericors Deus, qui propter eximiain cliaritatem tuam, qua dilexisi uos Filium tuiim uuigenitum Dominum nostrum Jesum Chris-tnm de cielis in terrain descendere, amp; de Bea-tissiiiiEe Yirgiuis Mariie Dominfe nostras utero sacratissimo, Angelo nunciante, carnem suscipere, crucemque, ac mortem subire, amp; tertia die glo-riose a mortuis resurgere voluisti, ut uos eriperes de potestate diaboli; obsecramus iminensam cle-mentiam tuam, ut hsec signa Eosarii in lionorem, amp; laudem ejusdem Genitricis Filii tui ab Ecclesia tua Meü dicata, bene f dicas, amp; saucti f lices, eisque tantam infundas virtutem Spiritus Saucti, ut quicumque liorum quodlibet secum portaverit, atque in domo sua reverenter tenuerit, amp; in eis ad te secundum ejusdem sanctie Societatis insti-tuta, divina contemplando mysteria devote oraverit, salubri, amp; perseverauti devotioue abundet, sitque consors, amp; particeps omnium gratiarum, privile-giorum, amp; iudulgentiarum, qua eidem Societati per sanctani Sedem Apostolicam concessa fuerunt; ab omni koste visibili, amp; invisibili semper, amp; ubique in iioc saeculo liberetur: amp; in exitu suo ab ipsa Beatissima Virgine Maria Dei Genitrice tibi plenus bonis operibus prsesentari mereatur. Per eumdem Dominum. Aspergantur aqua benedicta.

ocr page 411

GEZANGEN.

ocr page 412

392

Door Cherubs gedragen Den hemelhof in; „Ave! enz.

En hij haar verrijzen Uit deez' woestenij,

Klinkt 'tjuichlied der eng'len In lofmelodij :

„Ave! enz.

En Jezus, haar Zoon, komt

Met d'engelenstoet,

En biedt zijne Moeder Den wellekomstgroet: „Ave! enz.

En blij klinkt het welkom

In heel 't Paradijs; 't Ontvangt zijn Vorstinne Met hemelsche wijs: „Ave! enz.

En eeuwig zal 't galmen

Het hemelruim door, Het lied aan Maria Van 't engelenkoor: „Ave! enz.

En wij hier op aarde

Wij jubelen mee, En vlechten onz' Moeder De Eozenkrans-bêe;

„Apel enz.

ocr page 413

393

Verwerf ons den hemel,

O Maagd, bij nw Zoon; Dan zingen wij eeuwig In dank voor uw troon: „Ave! enz.

Vijfde glorierijk Geheim.

Maria's Kroning.

Boven alle wereldkoren.

Boven liclit en morgenglans,

Steegt Ge, o zaligste ooit geboren, Tot den hoogsten hemeltrans.

Boven alle Geestenscharen Zijt Gij schitfrend opgevaren;

Daar ontvingt Ge uw hemelkroon Van uw goddelijken Zoon!

Zie, ons smeekend neergebogen,

Koningin van 't hemelhof!

Wend een blik vol mededoogen Op uw broed'ren uit dit stof.

Laat uws harten liefdestralen Op hun beden nederdalen,

Eer ze uw goddelijken Zoon Door TJ worden aangeboón.

Boven 't licht der Serafijnen

Hemelkoningin gekroond.

Ziet Ge uw hoofd den glans omschijnen.

ocr page 414

394

Waar het Eeuwig Woord iu troont; Heerlijk staat uw naam geschreven : „Moeder van ons eeuwig levenquot;,

In de stralen van uw kroon,

Weerschijn van uw Jezusquot; troon.

„Moeder van ons eeuwig levenquot;!

Neen, zoo schoon een naam werd nooit In een aardsche kroon gedreven, En geen schepsel droeg hem ooit! Gij, tot :s aardrijks heil geboren, Gij, tot Moeder uitverkoren Van den Menschgeworden Zoon,

Draagt hem in uw gloriekroon.

„Moeder van ons eeuwig levenquot;!

O, wij knielen dankend neer :

Eere zij uw Zoon gegeven,

Jezus, onzen God en Heer; ,

Eere zij uw Zoon gegeven,

„Moeder van ons eeuwig levenquot;!

Glorie, glorie zij uw Zoon,

Voor de aan U geschonken kroon.

2.

DE VIJF BLIJDE GEHEIMEN.

Eerste blijde Geheim.

Hoe ademde alles reinheid, Aanbiddenswaardig Hart,

ocr page 415

395

Toen de ure was geslagen,

Dat Gij ontvangen werdt!

Refrein.

Wasch af de zondevlekken,

Die onze ziel bedekken,

O Jezus, o Jezxs.

De Vader, driewerf heilig En eeuwig zonder smet,

Zendt een der Godsgezanten Naar 't heilig Nazareth.

Wasch af, enz.

Gods Geest, die alles heiligt, Daalde op Maria neêr :

Zij heeft Gods Zoon ontvangen. Blijft Maagd, gelijk weleer.

Wasch af, enz.

En de engel, wien dc boodschap Door God is toevertrouwd,

Is blinkend als de zonne, Eu smetteloos als goud.

Wasch af, enz.

En kent gij blanker lelie,

Dan de Onbevlekte Maagd,

Die, boven alle vrouwen.

De kroon der maagden draagt?

Wasch af, enz.

ocr page 416

396

Waar klopte reiner harte

Dan 't Hart van God den Zoon, Aan 't Moederharte rustend,

Als op een koningstroon?

Wasch af, enz.

O zuiver Hart van Jezus,

Wij vallen U te voet, En smeeken, dat Ge ons allen

Voor zondesmet behoedt.

Wasch af, enz.

Tweede blijde Geheim.

Hoe brandt het hart der Moedermaagd

Van heil'gen liefdegloed. Uit Jezus' Harte, Jat zij draagt, Gestort in haar gemoed.

Daar snelt de Moeder van Gods Zoon

Langs 't ongebaande pad.

Naar Zacharias' heil'ge woón,

Naar Hebron, Juda's stad.

Zij dient haar nicht Elisabeth, Zij, Moeder van den Heer; Zij kent de heil'ge liefdewet; „Bemint uw naasten teêr.quot;

Ontsteek in ons, o Godd'lijk Hart, De liefde tot elkaar.

ocr page 417

397

De liefde, die gevaren tart, Geen offers acht te zwaar.

Derde blijde Geheim.

Aanbidt uw God en Meester, Aanbidt Hem al wat leeft!

Aanbidt d' ontzachbren Koning, Voor wien, wat ademt, beeft.

Brengt Hem uw gond en zilver, Gij, vorsten, op den troon;

Hem dankt gij kroon en schepter Hij is Gods eigen Zoon.

Is dit mijn God en Meester, Dit hulpbehoevend wicht?

Waar is zijn vorst'lijk purper. Zijn blinkend troongesticht?

Waar is zijn gouden schepter, Het teeken zijner macht,

Zijn schatten en zijn leger De panden zijner kracht?

U dekt geen vorst'lijk purper, Geen kostbaar hermelijn,

Maar arme, zwakke windsels, O Godd'lijk Kindekijn!

Uw rijkstroon is een kribbe. De herders zijn uw stoet.

Een arme Maagd ligt neder Met Jozef aan uw voet.

ocr page 418

398

Uw godd'lijk Hart, mijn Jbzus,

Heeft al die ijd'le pracht Der aardschgezinde wereld

Vertredeu en veracht.

0, leer ook ons te sterven

Aan de ijdelheen der aard', Te leven voor den hemel,

Alléén ons harte waard.

Vierde blijde Oeheim.

Wat is de geur der bloemen Die opstijgt naar Gods troon

Bij 't geurig morgenoffer In Sion's tempelwoon.

e e f b e i n.

Heilig Hart van Jezus,

Ach, versmaad het offer niet,

Dat ons need'rig hart U biedt.

Wat zijn de wierookgeuren,

Vóór de Ark van 't Oud Verbond,

Bij dit welriekend Offer,

In dezen heil'gen stond.

Heilig Hart, enz.

Het Heilig Hart van Jezus, Des Vaders dierb'ren Zoon,

ocr page 419

399

Is quot;t geurig morgenoffer Den Vader aangebofln.

Heilig Hart-, enz

De liefde vau zijn Harte Is zonder perk of grens;

Een God is 't vlekk'loos offer Tot redding van den mensch.

Heilig Hart, enz.

Gij vraagt, mijn dierb're Heiland, Het offer van mijn hart?

Ach, dat het rein en heilig Gelijk het uwe, werd'.

Heilig Hart, enz.

Vijfde blijde Gclieim.

Wat is het, droeve Moedermaagd, Wat is het, dat U smart?

Wat of Gij aan de pelgrims vraagt, Wieu zoekt uw angstig hart?

O zeg mij, waar mijn Jezus is, Zoo teêr door Mij bemind!

Ik sterf, zoo Ik mijn Jezus mis. Mijn dierbaar, godd'lijk Kind,

Ga op naar Sion's tempelwoon, Gij Moeder van den Heer,

ocr page 420

400

Daar vindt Ge uw goddelijken Zoon, Uw lieven Jkzus weer.

„Mijn Zoon, wij zochten U met smart; „Waarom ons dus gedaan?

„Hoe wreed ons liart gefolterd werd, „Toen Gij waart heengegaan.quot;

En Jezus spreekt Haar minzaam toe „Maar hoe, wat vreesdet Gij,

„Daar Ik den wil des Vaders doe, „De hoogste wet voor Mij ?quot;

Dat was uw spijs, o Godd'lijk Hart, Den wil te doen van God;

Al zocht Maria U met smart, — Uw wet is Gods gebod.

'k Aanbid uw heil'gen wil, o God Spreek tot nvv dienaar. Heer;

In uwe hand leg ik het lot Mijns aardschen levens neer.

DE VIJF DROEVIGE GEHEIMEN.

Eerste droevig1 Geheim.

Leer mij, Jezus, uwe smarten

In den hof Gethsemané;

Leer mij, hoe uw godd'lijk Harte Werd geprangd door zielewee.

ocr page 421

401

Dat een straal van nw genade,

Jezus, in mijn harte viel,

Dat ik leere, wie dat lijden Afriep over uwe ziel.

Als een zee stroomt quot;s werelds zonde

In des Heilands angstig Hart! Als een worm ligt Hij vertreden

Overstelpt door schande en smart. Bloedig zweet hedekt mijn Heiland:

Eerstelingen van het Lam,

Dat, uit liefde voor den zondaar, 's Werelds boosheid op Zich nam.

Zie, de Liefde wordt gegeeseld,

De eeuwg'e Wijsheid laag verguisd, De Gerechtigheid veroordeeld,

En het Leven zelf gekruist. Geeselriem en kroon en kruisdood

Trekken reeds zijn geest voorbij, En zijn droevig Harte weeklaagt; „Vader, neem dien kelk van Mij !quot;

Kom, mijn ziel, aanschouw dien doodstrijd

Van des Heilands godd'lijk Hart, Wordt uw harte niet verteederd

Door zijn namelooze smart ?

Jezus' Hart wordt fel gefolterd.

Door zijn doodsangst wreed verscheurd, Hoe zou ik dan Hem niet minnen, Die om mijne zonden treurt.

ocr page 422

402

Brak voor mij uw minnend Harte

Onder folt'rend zielewee, —

Zie dan, Jezus, op mij neder, En verhoor mijn stille beé;

Mocht mijn hart de Olijfberg wezen.

Door uw vruchtbaar Bloed besproeid, Niet vergeefs heeft dan uw Zoenbloed Voor mijne arme ziel gevloeid.

Tweede droevig' (Jelieiin.

Treur, christenziel, bij 't ondoorgroud'lijk lijden Van 's Vaders Zoon, gepurperd in zijn Bloed! Aanschouw uw Heer, hoe geesels Hem doorsnijden, Aanschouw zijn Hart, dat uwe zondeu boet.

Refrein.

Hoor onze bede,

O Godd'lijk Hart;

Schenk ons den zielevrede | ^

Door uwe geeselsmart.

De hel in 't hart, den geeael hoog geheven.

Staat daar een bent van krijgers om den Heer, En, ach mijn God — het teeken wordt gegeven, Eu 't geeselkoord valt rustloos op Hem neêr. Hoor, enz.

O zondaar, zie mijn wreed verscheurde leden, Mijn heilig Bloed, voor uwe schuld gevloeid;

ocr page 423

403

Heeft mijne smart uw harte niet verbeden, De liefde van mijn Harte u niet ontgloeid? Hoor, enz.

Uw zingenot, uw zucht naar aardsche weelde

Heb Ik geboet, met schande, smaad en hoon Het geeselkoord, dat uwe zonden heelde.

Heeft Mij verscheurd, Gods vlekkeloozen Zoon Hoor, enz.

Beminn'lijk Hart, wat hebt Gij veel geleden.

Daar ik mijn hart het kwaad ten offer bracht Verhoor dan nu, o Jezus, onze beden,

Hervorm ons hart, door uwe liefdekracht. Hoor, enz.

Derde droevig1 Geheim.

Wat spreekt uw kroon van doornen

Welsprekend tot mijn hart. Uw hoofd, zoo wreed doorstoken. Van nooit gedragen smart.

Refrein.

Gegroet, verguisde Koning, Gepurperd in den strijd! U, Koning onzer harten,

U zij ons hart gewijd.

ocr page 424

404

Wel wonden scherpe doornen

Het hoofd van 's Vaders Zoon,. Maar 't lijdend Hart van Jezus Wondt scherper doornenkroon. Gegroet, enz.

Mijn ziel, verblind door hoogmoed,.

Beminde dquot; aardschen glans, En vlocht nw Hart. mijn Jezus, Een wreeden doornenkrans. Gegroet, enz.

We aanbidden, dierb're Heiland,.

Den ootmoed van uw Hart; Gij leert ons, dat de glorie Eerst volgt na lijdenssmart. Gegroet, enz.

Mijn Jezus, leer ons lijden

Met onderworpenheid,

En toon ons in den hemel Uw glans en majesteit.

Gegroet, enz.

Vierde droevig1 Geheim.

Hoe werd Uw Hart ontstoken:

Van heilig liefdevuur,

Toen 't uur was aangebroken,. Uw kostbaar stervensuur;

ocr page 425

405

Toen Gij Uw Kruis mocht groeten, Eu onze zonden boeten,

O Jezus, o Jezus, o Jezus.

Uw Hart begroet den morgen.

Die weldra lichten zal,

Reeds eeuwenlang verborgen

Door Adams zondeval;

Het Kruis, U opgeladen.

Brengt ons Gods heilgenaden, O Jezus, o Jezus, o Jezus.

Wat moest uw Harte lijden.

Toen Gij Maria zaagt. Een weezwaard 't hart doorsnijden

Der droeve Moedermaagd; Wat onbegrensde smarten Voor deze zuiv're Harten,

O Jezus, o Jezus, o Jezus.

Al spotten duizend harten Met uw onmeet'lijk wee, Al wassen uwe smarten

Als de opgezweepte zee, — Uw Hart bidt God den Vader Voor iederen verrader,

O Jezus, o Jezus, o Jezus.

Wie zal uw toorn ontvluchten,

O driewerf heil'ge God!

Mijn ziel droeg wrange vruchten!

ocr page 426

406

Mijn Jezus, welk een lot! — Het minnend Hart des Heeren Moog 't oordeel van ons keeren, O Jezus, o Jezus, o Jezus.

Vijlde droevig: Geheim.

O grenzelooze Liefde

Van Gods beminden Zoon,

Hij sterft voor die Hem griefde, Het Kruis is Jezus' troon.

Eefkeix.

Jezus mijne liefde, Jezus mijne liefde. Reinig mijn bevlekt gemoed In mv kostbaar Hartebloed.

Uw breede Hartewonde,

Verlosser is mijn schat:

Tot in uw stervensstonde Hebt Gij mij liefgehad.

Jezus mijne liefde, enz.

Gij, onder schuld gebukten.

Zoekt heil in Jezus' Hart!

Komt allen, gij bedrukten.

Hier vindt gij troost in smart.

Jezus mijne liefde, enz.

ocr page 427

407

In vreugde moogt ge u laven

Aan Jezus' Hartebron De Springaar aller gaven, Die ons zijn Bloed herwon.

Jezus mijne liefde, enz.

Verberg mij in uw Harte,

O Jezus Jezus mijn, In 's levens vreugde en smarte Zal daar mijn woonplaats zijn.

Jezus mijne liefde, enz.

DE VIJF GLORIERIJKE GEHEIMEN.

Eerste glorierijk Geheim.

Zingt den lof van Jezus' Harte

Aan het Kruis zoo wreed doorboord, Thans uit dood en graf verrezen En met heerlijkheid omgloord.

Ziet, de doornen, die zijn slapen

Wondden met een scherpen krans, Zijn verkeerd in kostb're paarlen, Stralend' met ondoofbren glans.

Zóóveel drupp'len als er vloeiden

Uit het Hart van God den Zoon, Zóóveel bloedrobijnen schitt'ren In Zijn eeuw'ge gloriekroon.

ocr page 428

408

;s Levens Vorst is wel gestorven, Maar regeert door zijnen dood In onsterflijk eeuwig leven,

Opgestaan uit 's aardrijks schoot.

Geef ons, Vorst van dood en leven,

Uit den dood eens op te staan. Met Gods heilig licht omschenen. Naar zijn glorie op te gaan.

Tweede g-lorierijk Geheim.

Wie is die Vorst der glorie,

Die onverwinh're Held, Die in een feilen tweestrijd Zijn vijand heeft geveld.

Ontsluit U, eeuw'ge poorten

Van 's Hemels eeuwigheid, De Vorst der glorie, Christus, Genaakt in majesteit.

Gaat uit, gij Patriarchen, Profeten van den Heer, De Langverwachte nadert, Zingt Jezus lof en eer.

Aanbidt zijn Godd'lijk Harte

Dat u heeft liefgehad, En u de poort ontsloten Van ;s Heeren eeuw'ge Stad.

ocr page 429

409

Aanbiddenswaardig Harte

Van Gods geliefden Zoon, Schenk ons, die U beminnen, Een eetiw'ge gloriekroon.

Derde glorierijk Geheim.

Niet als weezen liet Ge ons achter, Minnend Hart van God den Zoon;

Immer bleeft Ge een trouwe Wachter Voor uws Vaders glorietroon.

„Zal ik eenmaal van U scheiden, — Zoo klonk eens uw teeder woord,

'k Ga den Trooster u bereiden ,.In Hem leeft mijn liefde, voort.quot;

En uit 't hoogste van den hemel Daalt de Trooster eensklaps neer

In dit aardsche stofgewemel; — Met Hem keert ook Jezus wèer.

Hoe de Heil'ge Geest de harten

Heeft vermeesterd door zijn kracht!

Hoe zij dood en mart'ling tarten Steunende op Gods wondermacht !

Eeuwig zij uw Hart aanbeden,

Bron van Gods genadevloed!

Geef ons, dat wij hierbeneden Blaken van uw liefdegloed.

ocr page 430

410

Vierde glorierijk Geheim.

Hoe versmachtte uw Moederharte Naar uw Goddelijken Zoon,

Sinds Hij in zijn eeuw'ge glorie Zetelt op zijn koningstroon;

Sinds het eeuwig: „Heilig, Heilig!quot; 's Werelds smaad en hoon verving,

Sinds Hij U in 't rijk der heemlen De eerste plaats bereiden ging.

Ach, hoe moest uw harte bloeden Seratijnsche Moedermaagd,

Toen Gij :t voorwerp van uw liefde Uit uw oog verdwijnen zaagt.

Neen, Gij kunt niet langer rusten Aan zijn teeder godd'lijk Hart,

Jezus is uw liefde ontnomen, — Gij blijft achter met uw smart.

Neen, Gij bleeft niet eenzaam achter In dit aardsche ballingsoord;

Jezus' Hart blijft U beminnen.

Heeft uw bit'tre klacht gehoord.

Zie, hoe 't heir der geesteukringen Nederdaalt uit 's hemels woon,

U het heilig „Avequot; zingen. En ü voeren voor Gods troon.

Eust nu zacht aan Jezus' Harte, Moeder van het eeuwig Woord;

Zing den lof van Jezus' liefde

ocr page 431

411

Met der eng'leu lofakkoord. — Maar gedenk ook ons, uw kindren

Die Gij voortbracht onder 't Kruis, Dat we eens met u opwaarts stijgen Ver van 's werelds woest gedruisclu

Vijfde glorierijk Geheim.

Gegroet, gij Koninginne Van 't eeuwig hemelhof.

Gekroond door Jezus' liefde Met glorie, eer en lof.

Hoe juicht het Hart van Jezus, Uw teerbeminden Zoon,

Nu Hij de hemelkroue

U schenkt als eeuwig loon.

Hij groet U als zijn Moeder, Zijn Moeder zonder smet.

Die in haar Eerstgeboorue Het menschdom heeft gered.

En 't koor der zaal'ge geesten Zingt Jezus eer en lof,

En groet zijn Koninginne, Vorstin van 't hemelhof.

Vorstin van Jezus' Harte, Zoo machtig bij uw Zoon,

Verwerf voor al uw kind'ren Een eeuw'ge hemelkroon.

ocr page 432

412

A óór liet bidden van den II. Rozenkrans.

Wees gegroet, o Kouinginne,

Schitt'rend in uw hemelglans,

Duld, dat U uw kind'ren groeten.

Moeder van den Eozenkrans ;

Duld, dat we onze beden steng'len

Tot een bloemkrans ü ter eer, En zie minzaam op uw kind'reu In dit dal van tranen neêr.

3.

DE VIJF BLIJDE GEHEIMEN.

Na liet eerste Tientje.

't God'lijk Woord daalt uit zijn glorie

In uw schoot op aarde neêr. Onderworpen bidt Gij need'rig:

,.Zie de dienstmaagd van den Heer.quot; Teed're Moeder, om het voorrecht

Door uw ootmoed ü bereid, O! verwerf ons van uw Zone Christelijke ootmoedigheid.

Xa liet tweede Tientje.

't Hart van zuivre lieide brandend,

Storttet gij den liefdegloed.

Die in U voor Jezus blaakte, In Elisabeth's gemoed.

ocr page 433

413

Kom, o Moeder, en bezoek ook

Mijne ziele niet uw Kind;

Geef, dat steeds mijn liefde spreke Van Hem, dien mijn ziel bemint.

Xa het derde Tientje.

Wees gegroet, gij die te Bethlem

't Heil der wereld liebt gebaard! Door het Wichtjen op het stroobed

Schenkt de hemel vree aan de aard o Maria, om uw vreugde

Bij het baren van uw Kind,

Geef mijn hart dien zoeten vrede, Dien het slechts in Jezus vindt.

Xa liet Tierde Tientje.

Zaal'ge vreugde, toen ge uw Jezus

Aan den Heer ten offer boodt! Simeon zag 't Heil der wereld.

En verbeidt in vree den dood. Zuiv're Moeder, o verwerf mij

Vlekkelooze zuiverheid:

Dat ook ik mijn God aanschouwe. Als mijn ziel van hier verscheidt.

Xa het vijfde Tientje.

Met wat angst, beminde Moeder,

Hebt ge uw godd'lijk Kind gezocht Maar wie schetst uw moedervreugde

ocr page 434

414

Toen gij 't wedervinden mocht?

Geef, dat steeds mijn hart. moog' wezen

't Tabernakel van den Heer, En mocht 'k ooit mijn God verliezen, Dat 'k rouwmoedig tot Hem keer'.

DE VIJF DROEVIGE GEHEIMEN.

Ifii liet eerste Tientje.

Jezus kampt in bitt'ren doodstrijd, 't Bloedzweet druipt op aarde neer;

Maar gesterkt bidt Hij gelaten:

„Slechts uw wil geschiede, o Heer!quot;

O Maria, om dien doodsangst.

En om Jezus' bloedig zweet,

Bid, dat ik de zoude hate,

Die een God dus lijden deed.

Na het tweede Tientje.

quot;Wreed verscheurd door geeselstriemen Stort het godd'lijk Lam zijn Bloed;

Purpren stroom op stroom vloeit neder: Zóó wordt, mensch, uw val geboet!

Dierbre Jezus, om uw smarten,

Om nw wreede geeselpijn,

Om de droefheid uwer Moeder,

Wasch mij van mijn zonden rein 1

Na liet derde Tientje.

't Godd'lijk hoofd vanéén gereten Door de scherpe doornenkroon,

ocr page 435

415

't Riet ten schepter, quot;t purp'ren spotkleed!

Zóó verguist de menscli Gods Zoon. Om den smaad, beminde Jezus,

Dien Gij hier geduldig lijdt,

Schenk ook mij de kostbre gaven;

Ootmoed en verduldigheid.

Na liet vierde Tientje.

't Kruishout torschend gaat de Godmensch

Smartvol tot Calvarie's top;

Driewerf stort hij macht'loos neder,

Maar zijn liefde richt Hem op.

Niet de kruisbalk — mijne zonden

Stortten U ter aarde neer. God, vergeving, heb erbarmen!

Jezus! neen, geen zoude meer!

het vijfde Tientje.

Zie. mijn ziel, daar hangt het offer

Op des werelds zoen-altaar;

Smachtend, troost'ioos, afgemarteld

Sterft Hij, onze Middelaar.

Eiud'lijk, quot;l offer is voltrokken:

Liefde, thans zijt Gij voldaan; O! ontvlam me in wederliefde,

Neem mijn hart ten offer aan.

ocr page 436

416

DE VIJF GLORIERIJKE GEHEIMEN.

gt;T:i liet eerste Tientje.

O Maria, juich en jubel,

Nu uw Jezus zegepraalt;

Dood en afgrond ligt verwonnen, Zijner Godheid glorie straalt!

Uw Verrijz'nis, mijn Verlosser,

Worde mij ten onderpand,

Dat ik heerlijk eens verrijze Tot het hemelsch Vaderland.

gt;'ii liet tweede Tientje.

Nog een blik, een laatste zegen: Triomfeerend stijgt Gods Zoon

Van deze aard ter hemelglorie,

Zetelt naast des Vaders troon.

Hopend blikken wij naar boven,

Jezus, tot uw Majesteit,

Wil ons daar een plaats bereiden In de zalige eeuwigheid.

gt;'a liet tierde Tientje.

Niet als weezen bleven we achter Was al Jezus hier niet meer,

In den schijn van vuur'ge tongen Daalt zijn Geest, de Trooster, neer.

Daal in mij, o Geest van Liefde, Kom, vertroost mijn dor gemoed;

Sterk het door uw heraelbalsem En ontvlam het door uw gloed.

ocr page 437

417

gt;'ii het vierde Tientje.

Eugrenreien voeren jub'lend

Jezus' Moeder tot haar God, Thans, Maria, moogt Gij smaken,

't Al te lang verbeid genot.

Moed, mijn ziel! hier kamp, hier lijden.

Ginds een eenw'ge zegepraal! Moeder, bid, dat quot;k hier volhardend Eens de lauwerkroon behaal,

\a het vijlde Tientje.

Met den zonneglans omliangeu,

't Sterrenheir ter gloriekroon, 't Zil'vreu maanlicht aan haar voeten,

Zetelt Zij naast Jezus' troon. Glorievolle Koninginne,

Moeder, liefderijk en teèr, BMk steeds van uw gloriezetel Gunstig op uw kind'ren neer.

Na het hidden vim den Kozen krans.

Hoor, o Moeder, deze beden

Van uw kind'ren minzaam aan; Bied ze aan Jezus en verwerf ons,

Dat wij op de levensbaan,

Veilig onder uwe hoede

Voortgaan op het pad der deugd, En U eenmaal zalig prijzen In des hemels eenw'ge vreugd.

ocr page 438

418

4.

DE VIJF BLIJDE GEHEIMEN.

Gods vaderoog sloeg de aarde ga,

Een Eugel daalt met spoed: „Wees,quot; sprak hij, „o Gij vol genil, Maria! wees gegroet.quot;

Refrein

Maria Koninginne!

O Gij, vol moederminne.

Sta ons hij in allen nood,

In den dood Maria!

Nauw heeft zij het aangehoord, Wat 's Heereu wil behaagt:

Of zij stemt in, — 'teeuwig Woord Nam 't Vleesch aan uit de Maagd. Maria Koninginne! enz.

Eu zij. die 's werelds Schepper droeg,

Is tot haar nicht gegaan, Oin dieneud waar de nood het vroeg.

Aan hare zij' te staan.

Maria Koninginne! enz.

Zij trekt naar Davids kleine stad, Daar baart zij 't god'lijk Kind, Dat 't hemelsch heir met haar aanbad,

Eu zij iu doeken windt.

Maria Koninginne! enz.

ocr page 439

419

Zij bood het God ten offer weêr

In Salem's ÏVnipelSteê:

„Laat uu,quot; sprak Simeou, „o Heer!

Uw dienaar gaan in vrêe.

Maria Koninginne! enz.

Wat blijdschap voelde uw moederhart.

Maria nu Ge uw Kind,

Zoo lang gezocht met zooveel smart, In 's Heereu tempel vindt.

Maria Komnginne! enz.

De vijl' Glorierijke Gelielmen.

Juich, Moeder! juich, uw Zoon regeert

In opperheerschappij;

Uw droefheid is in vreugd verkeerd. Gij heerscht uu aan Zijn zij'.

Eepreix.

Maria, Koninginne!

O gij, vol moederminne,

Sta ons bij in allen nood, In den dood, Maria'.

De Heer, de Heer is opgestaan,

En leeft nu voor altijd!

O dood! gij jaagt geen vrees meer aau; Uw prikkel zijt gij kwijt.

Maria, Koninginne! enz.

ocr page 440

420

Daar klimt Hij door de sterrenbaan,

Een eng'lenpaar daalt neer, En kondigt d' elf apost'len aan: ..Zoo keert Hij eenmaal weer.quot; Maria, Koninginne! enz.

Hij zendt hun d' afgebeden Geest,

Die licht en krachten geeft;

En zij getuigen 't onbevreesd, Dat Jezus weder leeft.

Maria, Koninginne! enz.

Toen Gij, o Maagd! van liefde stierft,

Schonk Hij U 't rijksgebied,

Dat Ge in nvv niart'laarschap verwierft, En thans met Hem geniet.

Maria, Koninginne! enz.

Daar werdt Gij door nw eigen Zoon

Gekroond tot Koningin,

En schittert naast zijn glorietroon, Voor uwe moedermin.

Maria, Koninginne! enz.

De Vijf droevig-c Gelieimeu.

Wie is er, Moeder! die het meldt,

Hoe u het harte brak.

Toen 't zwaard, door .Simeon voorspeld, U zevenwerf doorstak.

ocr page 441

421

Refrein.

Maria Koninginne!

O gij, vol moederminne,

Sta ons hij in allen nood,

In den dood, Maria'.

Gij zaagt den Heer, Gethsemané,

Bedroefd tot iu deu dood;

Hoe 't Bloed, dat de angst Hem storten dee, Op aarde nedervloot.

Maria Koninginne! enz.

Mijn Jezns! ach, wat foltering!....

quot;k Zie diepe wond bij wond.

De striemen van de geeseling,

Die Gij voor mij doorstondt.

Maria Koninginne! enz.

Nu mengt zicli martelpijn en hoon Wreedaardig ondereen:

Enw vlecht de beul een doornenkroon Om 's Heeren voorhoofd heen!

Maria Koninginne! enz.

Mijn Jezus sleept bedekt met bloed.

Zijn Kruis naar Golgotha;

Wie onzer draagt nu welgemoed Voortaan zijn Kruis Hem na'?

Maria Koninginne! enz.

ocr page 442

422

Hij sterft, aan quot;t sinart'lijk Kruis gehecht;

Zijn Moeder ziet het aan!....

Ach, toen is 't zwaard, zoo lang voorzegd,

Diep door haar ziel gegaan!

Maria Koninginne! enz.

1.

Ter eere van Onze Lieve Vrouw van den H. Rozenkrans.

O Maria, hoor ons smeeken.

Hoor ons need'rig smeeklied aan;

Zie ons allen als uw kind'ren

Biddend voor uw beelt'nis staan.

Zie, wij bieden U de geuren Van een krans van rozengloed;

Blik gij op dit offer neder,

Als een teed're moeder doet.

Eeuwig blijven wij uw kind'ren.

Aan uw Moederhart gewijd.

En Gij znlt ons immer toonen.

Dat gij onze Moeder zijt.

Zie: wij bieden, enz.

Leid ons door des levens paden Aan uw zachte moederhand,

In uw hoede gaan wij veilig Naar ons eeuwig Vaderland.

Zie, wij lieden, enz.

ocr page 443

423

Eenmaal staren we op de glansen

Van uw hemelschoon gelaat,

Waar der Godheid morgenluister Doorstraalt als een dageraad.

Maar liier bieden we ü de geuren Van een krans van rozengloed; Blik Gij op dit offer neder Als een teed're moeder doet.

2.

Gegroet, Gij zuiv're Moedermaagd, Wier hoofd de rijke krone draagt, Vorstinne van den Rozenkrans, Gegroet, Gij in uw hemelglans.

Wij zingen om uw troon geschaard, De vreugde, die Gij vondt op aard. Wij treuren om uw bitter wee. Wij jub'len iu uw glorie mee.

Blij is de groet te Nazareth, 't Bezoeken van Elisabeth,

De baring, de opdracht van uw Kind Dat Gij met vreugde wedervindt.

Hoe fol'trend is voor 't Moederhart Uw Jezus' angst en geeselsmart. En kroon en krnis en bittre dood: Om ons draagt Gij dien wreeden nood.

Maar glorievol verrijst uw Zoon, Klimt van deez' aard ten hemeltroon,

ocr page 444

424

Stort in uw hart den Heil'geu Geest, Kroont U Vorstin van 't eenwig feest.

Komt pinkt u bloemen, Christenschaar, Van deez' geheimen Eozelaar,

Vlecht genr'ge kransen haar ter eer, De lieve Moeder van den Heer.

Lied van 't Rozenkransken. (')

Rozenkransken, u zij lof

Uit den hof Van den hemel neergezonden; Van verscheiden bloemkens schoon

Als een kroon Wel gevlochten en gebonden !

Edel kransken, dat wel staat

Voor sieraad Op het hoofd van Gods Vriendinne; Gulden krone, die bekroont

Eu verschoont 's Hoogen hemels Koninginne.

Allerliefste Eoos-plantsoen.

Altijd groen,

Daar gij draagt sneeuwwitte rozen;

(1) Dit eenvoudig, schoon liedeken werd gedicht door Bene-dictus van Haeften, in de eerste helft der XVlIe eeuw.

ocr page 445

425

Op elk blaadje, zeer bekwaam,

Staat de naam Van Maria, d'üitverkoren!

Dat uw kranskeu, Moeder-Maagd,

God behaag t:

'k Zie er tnsschen vijf robijnen (1) Van ons Heeren Gods gebed,

Wonder net Uwe rooskens tusschen schijnen. (2)

Psalterken, (3) uw schallen vreest

Sataus geest,

Die eens Saül kwam bespringen ; Als hij hoort met zoete taal

Menigmaal,

't „Wees gegroet, Maria!quot; zingen.

Kostelijkste ketenken,

Dat ik kenl Beter was er nooit te vinden, Om den boozen vijand fel

Van de hel Krachteloos en vast te binden.

Kransken, als ik zonderling (4)

Voor een ring U ga dragen aan mijn vinger,

U) Do vijf Onzo Vaders.

(2) De tien Wees gegroeteu.

(3) Harpje.

(4) In 't bijzonder.

ocr page 446

426

Tegen dat hoovaardig vat,

Goliath,

Zijt gij mijuen David's slinger.

Gij behelpt mij waar ik ga

Waar ik sta;

Zal ik ergens gaan of reizen,

Met u kort ik weg en tijd,

Die ik slijt Met gebed en overpeizen.

Als ik in mijn kamerkeu

Met u ben,

In de kerk. of ia een hoeksken, Dikwijls strekt gij mij te met

Een gebed.

Volgeschreven, vriend'lijk boeksken!

Dat dit lieve kransken zij 't Snoer, dat mij Met Maria voegt te zamen,

Dat ik, die haar gaarne dien,

haar raag zien In het eeuwig leven. — AMEN.

ocr page 447

Gfflil IER [[BE HEB B. «IE.

ocr page 448
ocr page 449

429

1.

Aan Jezus, Maria, Jozef.

Aan Jezus eer!

Zijn naam werd steeds geprezen, Wij zonen van één huisgezin, Wij minnen Hem met broedermin. Een broeder wil Hij wezen, Wij eeren Hem nog meer Als God en Heer; Aan Jezus eer. (bis.)

Jlaria eer!

Wij minnen haar als Moeder, Als moeder van het Godsgezin,

Maar ook als 's Hemels Koningin. Gekroond door d'Albehoeder; Der Moeder van den Heer, Zoo zoet, zoo teer,

Maria, eer. (bis.)

Aan Jozef eer! Wij groeten hem als Vader! Als zonen van zijn huisgezin, Maar treden wij met kindermin, Hem telken Zondag nader. Dat steeds het Christenheer Zijn lof vermeer, Aan Jozef eer. (bis.)

ocr page 450

430

Het Drietal eer!

Aan Broeder, Moeder, Vader, Dat eens het eeuwig jnbeltij, lu 's Hemels woon aan hunne zij. Als broeders ons vergader:

Dan stijgt bij :t englenheer: De lofzang weer,

Het Drietal eer. (bis.)

2.

Aanroeping van Jezus, Maria, Jozef.

Gij hoort daarboven Uw namen loven,

Jezus! Maria! Jozef!

Vol vreugd herhalen De Hemelzalen:

Jezus! Maria! Jozef!

Wie op deze aarde Roemt U naar waarde?

Jezus! Maria! Jozef!

Gij troost in smarte 't Bezwijkend harte,

Jezus! Maria! Jozef!

Gij kunt die lijden Van 't leed bevrijden,

Jezus! Maria! Jozef!

ocr page 451

431

Gij stelt voor 't hopen Ous hart vveêr open,

Jezus! Maria! Jozef!

Blijft ons bewaren In zielsgex'aren,

Jezus! Maria! Jozef!

Versterkt die kampen Met 's levens rampen,

Jezus! Maria! Jozef'!

Laat ons na 't sterven De kroon verwerven,

Jezus! Maria! Jozef!

Zij 't ous gegeven Met U te leven,

Jezus! Maria! Jozef!

Dan zal daarboven Ons hart U loven,

Jezus! Maria! Jozef!

3.

Loflied op de H. Familie.

Zingt blijde het loflied Tot Nazareth's eer,

Strooit bloemen en palmen Verheugd voor den Heer:

ocr page 452

432

Refreix.

Omhoog, omhoog-Staart dankend ons oog.

Hij koos in zijn goedheid

Mij uit tot eeu kind,

Door Jezus, Maria En Jozef bemind.

Omhoog, enz.

O 't is ons als leefden

We in Nazareth's woon, In omgang met Jezus,

Gods eeuigen Zoon. Omhoog, enz.

Op ons ziet Maria

In hemelsch genot,

Zij is onze Moeder En Moeder van God. Omhoog, enz.

De schamele woning. Die Jozef vereert,

Ziet de armoê in rijkdom Des hemels verkeerd. Omhoog, enz.

Hoe wekt Ge ons vertrouwen O Gij Nazareth!

ocr page 453

433

Hoe voert Ge ons teu hemel In need'rig' gebed.

Omhoog, enz.

Zoo snel dan ons leven

Door 't tranendal heen,

iMet Jezus, Maria En Jozef steeds één.

Omhoog, enz.

Eens voeren zij samen Het christ'lijk gezin,

Tot zalig aanschouwen Den hemelhof in.

Omhoog, enz.

Het H. Huisgezin.

ü. Jozef, is mijn lied gewijd;

Maria, die Gods Moeder zijt,

U zing ik, en uw dierb'ren Zoon Aanbid ik op zijn hemeltroon,

O Heilig Huisgezin!

Daar eer ik Jozef in;

Ik eer Maria Moedermaagd,

Met haar godd'lijk Kind,

Dat ons teeder mint En niets van ons dan liefde vraagt.

Waar leed ooit huisgezin een nood. Een armoede en gebrek zoo groot,

28

ocr page 454

434

Als 't allerheiligst Huisgezin? Dat boezemt troost bij 't lijden iu. O Heilig Huisgezin! enz.

Was ooit een huisgezin op aard Zoo onze liefde en eerbied waard? O! zingt het heilig Drietal lof; De knie gebogen in het stof! O Heilig Huisgezin! enz.

quot;Was ooit op aard een huisgezin Zoo mild, zoo rijk aan menschenmin? Ontvang daarvpor ons hart, o Heer! Als uw geheiligd offer weêr.

O Heilig Huisgezin! enz.

De H. Familie ons Voorbeeld.

Is arbeid 't lot, dat Grod ons heeft beschoren,

!t Is zoet, voor wie den Godmensch werken ziet, 't Is de erfenis van Jezus' uitverkoren,

Is dit geen troost in kommer en verdriet? O Huisgezin, tot voorbeeld ons geschonken.

Wij komen thans uw deugden gadeslaan; Mocht dit gezicht in ons de deugd ontvonken! Mocht nieuwe moed in ieders ziel ontstaan I

Ach denken wij, als ons ellenden drukken;

..Ook Jezus zelf was arm zoowel als wij.quot; O Heilig Drietal, al onze ongelukken

Zijn minder zwaar als men ze draagt als Gij. O Huisgezin, enz.

ocr page 455

435

Wij willen nooit naav ijd'len rijkdom streven, En de armoe blijft ons dierbaar steeds en sclioon ;

Geeft de arbeid ons veel moeite hier in 't leven, Eens wordt 't geluk des hemels ons tot loon. O Huisgezin, enz.

De smart duurt kort, de vreugde is zonder palen; Komt, lijden wij een oogenblik met vreugd;

Geeft Jezus ons zijn zegen in onz' kwalen, Dan worden ze eens veranderd in geneugt. O Huisgezin, enz.

6.

Bede tot Jezus, Maria, Jozef.

Kniel, o christenschaar, met ootmoed en vertrouwen, Te Nazareth in diepe aanbidding neer;

Uw bede stijg' als wierookgeur ten hemel, En breng' Gods gaaf in milden zegen neer: Hoor ons, o Jezus.

O Moedermaagd,

O Jozef — heilig Drietal,

Wat ü ons harte vraagt,

Verhoor o heilig Drietal Wat U ons harte vraagt.

De onreine geest vaart rustloos rond op aarde, Bedreigt van 't kind de lelieblanke ziel;

Wie toch beschermt haar in heur hooge waarde, Waarop de dauw van 't god'lijk Bloed eens viel? O Lieve Jezus.

Uw liefdegloed

ocr page 456

436

Ontvlam in reine liefde | ^ Het kinderlijk gemoed. |

Ons hart, vervreemd van 't stil en need'rig leven. In Nazareth door TJ zoo hoog geëerd;

Wordt te vergeefs naar rust en vree gedreven. Door 't smachtend hart zoo rusteloos begeerd. Hoor, o Maria,

Hoor onze bee,

Onthecht aan de aarde ons harte | ^ En schenk het zoeten vreê. j

Wij smeeken lT. o Jezus' Voedstervader.

Die quot;t God'lijk Kind op aarde hebt bewaakt:

Sterk ons geloof, en voere uw bee ons nader Tot Hem, die zijn verlosten zalig maakt. O heil'ge Jozef.

Bescherm de Kerk,

Bij quot;t dreigen der gevaren ; 1 ^ Uw voorspraak maak' ons sterk, ƒ

O Huisgezin, bekoorlijk voor Gods oogen, O lichtend beeld in 's levens bangen nacht.

Stort in ons huis, dit smeeken wij gebogen. Uw zaal'gen geest, die ons bezielt met kracht Hoor ons, o Jezus,

O Moedermaagd,

O Jozef — heilig Drietal

Wat U ons harte vraagt.

Verhoor, o heilig Drietal Wat U ons harte vraagt.

ocr page 457

437

Op de medaille der Congregatie.

Op 't hart vau oorlogshelden Prijkt 't vorst'lijk ridderlint, Om 't wapenfeit te melden, Dat roem op't krijgsveld wint.

Zoo prijkt ons op de kleêren Ons Congregatie-lint,

Om luide te bezweren,

Dat God de deugd bemint.

't Zij eervol te behagen Aan 's Konings Majesteit En na den strijd te dragen Het kruis van dapperheid.

't Is schooner te behagen Aan Godes Majesteit En 't heilig merk te dragen Van deugd en schuld'loosheid.

Hoe ziet met welbehagen De krijger op het beeld Dat hem, om quot;t steeds te dragen,

Zijn vorst heeft toebedeeld!

Met immer grooter vreugde Draag ik steeds Jezus' beeld Dat mij op 't veld der deugden Door God is toebedeeld.

r

ocr page 458

438

Medaille! kostbaar teekeu Van mijn verbond mat God, Blijf moed me in't harte spreken Waar strijden blijft mijn lot!

Medaille! laat me u dragen Als kleinood mijner deugd En denken alle dagen Aan Jezus, mijne vreugd!

Twee dierb're teekeningen Omarmen :t Goddelijk Kind Dat 'k onder 't samenzingen Op mijn Medaille vind.

Die dierb're teekeningen Zijn Jozef en de Maagd, Die 't smeeklied medezingen. Dat om volharding vraagt.

Drie harten staan gedreven Ter keerzij' van het pand En vergen, dat mijn leven Voor God van liefde brand'.

Het zij zoo. God beminnen! Want in dit tranendal,

Weet ik niet wat te winnen Zoo 'k God niet dienen zal.

Den strijd der braven strijden

ocr page 459

439

Ziedaar mijn plicht en eer. Aan God mijn leven wijden Eu sterven in den Heer.

Dan wordt mij na dit leven, Voor moed en vroom beleid, Een godd'lijk merk gegeven. Dat prijkt in eeuwigheid.

8.

Vaandellied

Tan liet Heili? Huisircziu.

Ziet de feestvaan weêr op heden, Broeders! prijken voor ons oog;

't Zegt ons. hoe dit drietal Leden Door den strijd ter glorie toog:

Stijg' met onze dankgebeden 't Plechtig vaandellied omhoog !

Ziet het toonbeeld ons gegeven In dat Heilig Godsgezin;

Schuhl'loos, werkzaam, huislijk leven. Vader-, moeder-, kindermin;

Al hun deugden na te streven, Dit heeft onze strijdvaan in.

Trouw met Jozef dan gestreden. Met Maria, met haar Kind!

't Hoogst heeft dat Gezin geleden.

ocr page 460

440

Schoon liet hoogst door God bemind ; Wie ter glorie op wil treden:

't Is de Kruisvaan, die haar wint.

Op die Vaan dan 't oog geslagen,

Waar ons Toonbeeld op ons ziet.

En ons wenkt vol welbehagen!

Zoo dan roep ik: „Wat geschied',

„Neen! in al mijn levensdagen,

„Neen! quot;k verlaat mijn vaandel niet!

i).

Loflied ter eere van Jezus, Maria, Jozef.

Voor Jezus, Maria en Jozef,

Stemt dankbaar een feestlied aan.

Ziet gulden luister bestralen

Ons overdierbaar vaan;

In leven en in sterven

Is Nazareth onze kracht.

Houd trouw dus dierbaar vaandel Van quot;t heilig Huis de wacht.

De kracht van die heilige Namen

Is wonderbaar sterk en zoet.

Hij straalt in den strijd van het leven.

Verkwikt in smart het gemoed:

Als 't christ'lijk huis bedreigd wordt

Door eerloos, diep verval.

Dan staat het in de schaduw Van 't dierbaar vaandel pal.

ocr page 461

4 41

Hoe wordt door den Zoeten Xaam Jezus

Gehoorzaam tot in den dood. 't Weerstrevende hart tot berusting-

Gestemd in leed en nood;

Maria, Moeder-Maagd,

O Naam der zuiv're Bruid. Gij spreidt der reinheid luister Voor alle standen uit.

Uw Naam o .Sint Jozef geeft sterkte.

Ontzinken ons kracht en moed, Uw naam maakt een leven van zorgen

Om Jezus — lief en zoet; Daarom betrouwvol de oogen

Op 't Drietal steeds gericht, Tot eens hun eeuw'ge glorie Ons straalt in 't aangezicht.

Voor Jezus. Maria en Jozef,

Stemt dankbaar uw feestlied aan: Ziet gulden luister bestralen

Ons overdierbaar vaan. Wij blijven het trouw volgen

In vreugd', in smart, in nood. Wij strijden in zijn schaduw In leven en in dood.

ocr page 462

4-42

10.

Opdrachtslied.

Jezus, Maria, Jozef!

Omringd vair 't hemelscli heir.

Wij knielen aan uw voeten Alet vol vertrouwen neer.

TJ kiezen we als beschermers, ü Drietal, vol van min;

Gij biedt ons 't hoogste voorbeeld Van deugd en godsdienstzin.

U offren wij ons zelveu. Ons lichaam, onze ziel,

Met alles wat wij hebben,

En ons te beurte viel;

O, moog' dit plechtig offer,

Door 's hemels gouden deur,

Opzweven naar uw troonen Als zoete wierookgeur!

Als ware Christ'nen leven,

Dat is ons vast besluit !

Helpt Gij ons in dit streven; Dus klinkt ons smeeken luid.

Dan zullen we eenmaal zalig. Na storm en golfgeklots,

In kalme ruste sterven. Als uitverkoornen Gods.

O zoete hemelweelde,

Oneindig zielsgeneugt:

ocr page 463

443

Omhoog iu 't eeuwig Sion,

In eiadelooze vreugd,

Met U, o heilig Drietal,

Het eeuwig bruiloftslied Te juub'len iu Gods glorie! Die hoop beschame ons niet.

11.

Feestlied.

Dit is de dag des Heeren,

De dag door God gemaakt, Van vreedzaam triomfeeren;

Ons aller harte blaakt, Ons aller oogen blinken,

Nu wij in hart en geest Vereend, het lied doen klinken Van 't schoone opdrachtfeest.

Heft, mannen, uwe vanen,

Met schoonen lauwerkrans Omsierd, en laat hun banen

Hoog wapp'ren in den glans Der blijde jubelzonne.

Die feest'lijk aan de tin U groet als trouwe leden Van 't Heilig Huisgezin.

Laat rijzen voor ouze oogen

Den nooit vergeetb'reu stond, Toen ouze vaad'ren sloten Het heilige verbond

ocr page 464

444

Met Jezus en Maria

En Jozef; vrij en blij Staan we onder 't zelfde vaandel Zoo houw en trouw als zij.

Wat vloed van zegeningen

Die boud der wereld bracht, In 's levens wisselingen

Wat moed eu troost en kracht Hij stortte iu onze zielen ; — Wat vallen moge of staan, Zoolang de zon zal schijnen. Die bond zal nooit vergaan.

O heilige Familie,

Gij zijt een sterke wal, Waartegen hel en wereld

Den kop verplctt'ren zal; Gij ons, in 's levens stormen.

Een onveiwinb're rots, Een vuurbaak in den nachte, Een veilige arke Gods.

Geeft heden Jozefs vrienden,

Gij, kind'ren van zijn Bruid, En broeders van Gods Zone,

Geeft allen, tier eu luid,

Aan quot;t hoogverheven Drietal

Uw plechtig mannenwoord; Dat gij, met ziel en lichaam, Hun eeuwig toebehoort.

ocr page 465

445

En klimme dan de bede

Eenparig uit één mond:

Jezus, Maria, Jozef!

O zegent ons verbond;

óreeft, dat we U eens omringen,

In hooger, beter oord,

En voor ü 't hooglied zingen Van 't eeuwig lofaccoord.

12.

Lied van Toewijding aan de H. Familie.

Wij werpen ons vol eerbied aan uw voeten: o Groote God! zie gunstig op ons neer! Wat ons uw liand vol goedheid heeft geschonken, Wij brengen het als offer aan U weer.

O! moog het ü behagen Het offer U gebracht.

En ons het heil verwerven,

Dat onze ziel van uwe liefde wacht.

Ontvang ons hart, o Jezus dierb're Meester ! Gij vraagt het ons als liefdesonderpand.

Ontsteek in ons door 't vuur van uw genade Ei'n liefdegloed, die immer voor U brandt! God! welk een heilgeuade.

Te rusten aan uw Hart,

O goddelijke Heiland,

Ik blijf U trouw in blijdschap en in smart!

ü. Koningin! U, smettelooze Moeder.

Zoo rijk gekroond om uwe maagd'iijkheid!

ocr page 466

446

U smeeken wij: scheuk ons door uwe beden Een zuiver hart, dat ons tot Jezus leidt,

0 Moeder van mijn Jezus!

01 neem ons offer aan I Laat ons in uwe hoede

Langs 't doornenpad ter eeuw'ge vreugde gaan

Wij wijden ons aan U, o heil'ge Jozef! En smeeken ü, versterk ons in den strijd! Gij, die weleer het godd'lijk Kind behoedde, O! hoed ook ons, die U zijn toegewijd 1 O! voer mij na dit leven,

Geleid aan uwe hand.

Verrijkt met schoone deugden. Vol blijdschap op naar 't hemelsch Vaderland!

O! blijve ons hart met Jezusquot; Hart vereenigd! Maria's hulp verwerve ons trouwe deugd: Eu Jozefs steun versterke ons door dit leven, Geleide ons eens ter zaal'ge hemelvreugd! Aanvaard, o God! dit offer.

Dat ik U blijde bood! — -Jezus, Maria, Jozef,

Ik zweer U trouw — van nu tot iu den dood!

13.

Danklied tot het H. Huisgezin.

Luide rijzen jubelklanken

Tot Gods hoogen glorietroon,

Om Hem juubleud te bedanken Voor het rijke gunstbetoon,

ocr page 467

447

Heden ruimschoots ous gesclioukeu

Bij dit blijde feestgetij;

Ja, wij juichen vreugdedronken

Mee met 't lied van de Eng'lenrei.

Zooveel lange, vruchtbare jaren

Wappert onze zegevaan!

En de breede legerscharen

Groeien immer, immer aan,

Om te strijden ouder hoede

Van het Heilig Huisgezin Tegen 's duivels list en woede,

Voor de deugd, Gods teed're min.

O, wat rijke zegeningen

Worden hier voor ons gespreid ! Neen, geen tong kan ooit bezingen

Zulk een schat van zaligheid. Dankt deu Gever aller gaven

Voor al 'theil. aan ons betoond; Smeekt Hem, dat we eens in de haven Landen, waar Gods liefde woont.

Daar in :t rijk van 'themelsch Eden.

Waar geen stormorkaan meer loeit Waar ons vrij van tegenheden,

Steeds de palm des vredes bloeit; — Daar, daar hopen we eens te juichen

Met het Heilig Godsgezin,

Eeuwig, eeuwig ons te buigen Voor dit Drietal, vol van min.

ocr page 468

4-18

14.

Vertrouwen op de H. Familie.

Keeds zijn zooveel zaal'ge jaren, Broeders, vruchtbaar heengesneld,

Wat de toekomst moge baren.

Neen, ons hart wordt niet ontsteld,

Refrein.

Godsgezin verleen uw zonen,

Licht en kracht en moed en deugd;

Blijf hun hier uw liefde toonen, Schenk hun d'eemrfge jubel vreugd.

Komt de duivel ons bevechten, Voelen wij der driften kracht,

Kwelt ons 't boos gedrag der slechten. Schrikken wij niet voor hun macht.

Godsgezin, enz.

Deelen wij in rt aardsche lijden,

Valt ons zwaar het levenslot.

Schenkt de wereld geen verblijden, Richten wij ons hart tot God.

Godsgezin, enz.

Zelfs de dood zal ons niet deren! Sterven is ons een gewin.

Eeuwig duurt dan 't jubeleeren Bij ons Heilig Huisgezin.

Godsgezin, enz.

ocr page 469

449

Smeekgebed voor de zielen in het Vagevuur,

Zie, Jezus, zie meèdoogend Op uw ■ verlosten ueer!

Zij wenschen U te aanschouwen, Hun Redder en lum Heer.

Zij wenschen ü te aanschouwen, Te aanbidden in uw rijk,

O ! geef van uw genade Hun 't laatste liefdeblijk;

Zij wenschen U te loven

Voor quot;t leven door uw Bloed;

Laat hun uw troostwoord hooren: „Uw schulden zijn geboet!quot;

Verhoor ons need'rig smeeken Voor die ons dierbaar zijn!

Gij ziet die zielen lijden,

Gij kent hun folterpijn.

Gij weet, hoe zij verlangen. Uw godd'lijk aangezicht

Te aanschouwen in de glorie.

Van 't eeuwig zaal'gend licht.

O Jezus, zie meedoogend Op de arme zielen neer.

En mogen ze ü aanschouwen. Hun Redder en hun Heer.

29

ocr page 470

450

Gebed tot Jezus, Maria, jozef voor Afgestorvenen.

Hemelvader, uwe kind'ren

Zucliten thans in 't vagevuur: Wil hun smarten toch vermind'reu

Scheuk vergeving in dit uur. Ach! ontferm U: wees genadig;

Redding, Heer, maar niet te laat! Zij verzuchten ook gestadig; Ach ! verzacht hun lijdensstaat.

Goede Vader, wij verlangen

En wij smeekeu onvermoeid, Om deez' éene gunst te ontvangen, Breek den kluister, die hen boeit. Wij, wij willen hen bevrijden;

Om het Bloed van uwen Zoon, Om zijn dood en bitter lijden,

Vader! voer hen naar uw troon.

O Maria, hoor onz' zangen.

Hoor ons smeeken gunstig aan! Gij vervult steeds ons verlangen.

Doe wat Ge altijd hebt gedaan, 't Zijn uw kin'dren, die U smeeken Voor uw kind'ren, heil'ge Maagd: Wil hun boeien toch verbreken,

Scheuk hun wat ons hart U vraagt.

Tot U, Jozef, Voedstervader,

Hoofd van 't Heilig Huisgezin,

ocr page 471

451

Treden wij verzuchteud nader,

Voer Imn ziel den lierael iu. Want in uwe Vaderarmen

Draagt Gij 't goddelijke Kind. 't Zal zich over hen erbarmen, Wijl het uw gebed bemint.

Heilig Drietal, hoor onz' bede,

Ach, verhoor ons need'rig lied' Eu gij, broeders, rust in vrede.

Maar vergeet uw broeders niet. Wilt eens door uw beê verwerven,

Dat wij met u, vroeg of laat, Ook den schoonen hemel erven. Als het bange sterfuur slaat.

Voor de geloovige zielen.

Vergeet ons niet! zoo zucht Het droevig tal van zielen, Die lijden in dit uur

Den heü'gen zuiv'riugsbrand; Vergeet ons niet! nu wij In 's Heeren handen vielen. En smachten naar 't genot Van quot;t hemelsch Vaderland.

Vergeet ons niet! o gij Wien God in 't aardsche leven Tot bloedverwant of wel Tot trouwe vriend ons gaf;

ocr page 472

452

Vergeet ous niet! en wilt Vooral nu blijken geven Dat gij ons nog bemint

Aan de overzij van 't graf.

Vergeet hen niet, o God! Het zijn toch uwe telgen, Het is uw deel, gekocht

Aan 't Kruis op Golgotha; Wil door uw dierbaar Bloed Al hunne schulden delgen, Verlos hen spoedig. Heer! Heb meelij, schenk gena.

Vergeet hen niet, o Maagd! En Moeder van genade,

Maria! denk dat zij

Uw lievelingen zijn; Ach! zoete Moeder sla Hun bitter lijden gade.

En wil hen door uw bêe Verlossen uit hun pijn.

Komt broeders, knielt voor God En voor zijn heiltroon neder. Roept Jezus' Moeder aan

Voor die gij lijden ziet; Als gij voor hen Haar bidt. Dan vraagt Zij telkens weder Aan Jezus, haren Zoou:

„Vergeet mijn kind'ren nietquot;

ocr page 473

GELEGENHEIDSLIEDEREN.

ocr page 474
ocr page 475

455

Ter eere van het H. Hart van Jezus.

l.

Voor 't Hart van Jezus ziuge Mijn liart op blijden toon,

Dat mijne lofstem dringe Tot iu de hemelwoon.

O Hart van Jezus zoet!

Zijt liefdevol gegroet,

Gegroet van ons op aarde Gegroet in d'eeuwiglieid.

O Hart voor mij gebroken Op quot;t Kruis iu diepen druk,

Met eene lans doorstoken,

Voor mijn zwaar zondenjuk.

O Hart van Jezus zoet! enz.

O Hart laat mijn hart gloeien Van zuiver liefdevuur,

Wil het aan 't (Jwe boeien,

Tot in het stervensuur.

O Hart van Jezus zoet! enz.

Wil 't mijn naar 't Uwe vormen, O toonbeeld aller deugd!

Om eens na 's levens stormen.

Met U te zijn in vreugd.

O Hart van Jezus zoet! enz.

ocr page 476

45(5

Komt, iaat 0113 Jezus' godd'lijk Hart aanbidden, Het Offer, door de liefde aan 't Kruis gedood! Komt, zuiv're Sarafijnen! in ons midden;

Aanbidt dat Hart, waaruit ons 't leven sproot. — Komt allen, die belast zijt en beladen,

Aanbidt den troon van liefde en heil genaden. Het goddelijk Hart van Jezus.

O godd'lijk Hart! in hemel en op aarde

Wat is aan uwe majesteit gelijk! De maagdelijke Moeder, die U baarde

Dankt uw waardij de kroon van 't hemelrijk: In eenheid van Persoon met :t Woord verbonden, Aanbidd'lijk, maar in wezen ongeschonden. O goddelijk Hart van Jezus.

O liefd'rijk Hart van '3 Vaders Eengeboornen!

Om ons gedompeld in een zee van smart; Verguisd, versmaad, gekroond met scherpe doornen, Voor ons aan ;t Kruis doorstoken, need'rig Hart! Ach ! of die scherpe lans ook mij doorgriefde! Of ik vergelden mocht uw groote liefde, O goddelijk Hart van Jezus.

O godd'lijk Hart, vol liefde en mededoogen, Ontsluit uw schatten voor mijn arme ziel; Ach! of mijn hart gena vond in uw oogen

En uw erbarming mij ten deele viel!

Schenk ons den vrede, dien wij van U wachten. Uw zegen tot de verste nageslachten, O goddelijk Hart van Jezus!

1

ocr page 477

457

O Heilig Hart, van 't vuur der liefde gloeiend. Dat voor liet heil van 't zondig menschdom blaakt;

Genadebron, van hemelzegen vloeiend,

Die 't hart verkwikt, dat U met liefde naakt. Harte van Jezns Ons hoogste goed,

Aanvaard de hnlde Van 't kinderlijk gemoed.

Neen Jezus, neen, geen engel kan 't ons malen, Hoe gaarn' Ge uw Hart aan 't hart des menschen

1 bindt,

Geen schetst de kracht, deu gloed der liefdestralen, Die Ge overstort in 't hart, dat U bemint. Harte van Jezus, enz.

Geen menscheutoug kan U naar waarde schatten, O Heilig Hart, geheim der liefde Gods;

Geen menschengeest kan dat geheim bevatten, O ned'rigHart! versmaad door sterv'liugs trots. Harte van Jezus, enz.

O, Heilig Hart, wat vuur moest U verslinden Toen Ge aan den Heer als liefdeoiïer vroegt,

Dat Hij Zich Zelv' op 't nauwst aan ons zou binden, Wijl dra voor Hem het uur van scheiden sloeg. Harte van Jezus, enz.

O, Heilig Hart, wie kan uw vreugd verkonden Als Gij uw wensch tot waarheid zaagt gemaakt,

ocr page 478

458

En voor de ziel een spijze wordt gevonden In 't Sacrament, als zelfs geen engel smaakt ? Harte van Jezns, enz.

Wees dan geloofd, o Jezns' godd'lijk Harte!

Nooit worde quot;t vuur der liefde in ons gebluscht; Blijf onze lust zoowel in vreugde als smarte, Tot eens ons hart met ü en in U rust.

Harte van Jezus, enz.

4

Hart van mijn gekrnisten Heer,

Beeld en bron der hoogste liefde,

Hart van Jezus toen een speer,

U nog in den dood doorgriefde,

Boodt Gij water ons en bloed,

Tot een dubb'len levensvloed. q

Zaal'gend Hart van d'Offeraar, y

Heilfontein van liefde en leven,

Nog blijfc Ge altijd op :t altaar Q voor ons ten offer geven:

Daar zijt Gij op woud're wijs Ons ten zoen en zielespijs.

Teeder Hart, voor ons doorwond,

Breid uw stroomeu van genade Wijder uit met eiken stond, i ü

Dat er ied're ziel in bade.

Godd'lijk Hart, dat eind'loos mint, E

En zoo weinig liefde vindt.

ocr page 479

459

Geel' liet, Jezus, nu nog meer;

Wij zijn immers ü te nader, Miuu'lijk Hart van onzen Heer,

Sinds ons aller dierb're Vader, Die zich reeds bij U verblijdt. Ons aan U heeft toegewijd.

Wij dan, hoe de vijand woedt.

Wij dan blijven op ü hopen, (rodd'lijk Hart, oneindig goed;

Altijd voor ons, zondaars, open: Beeld en bron der eeuw'ge Min Zegen ons en ons gezin.

O Uod van liefde, hoor het biddend sraeeken

Van 't zondig hart, gebogen voor uw troon! Voor mij liet Gij uw Hart aan 't Kruis doorsteken, Voor mij werdt Gij ten prooi aan wreeden hoon.

Ontvang mijn hart, o God van heilgenaden. Gij vraagt het mij als liefdes onderpand, O neem het aan! doe 'tin uw liefde baden! En boei quot;t aan U met onverbreekb'ren band!

Uw Harte, met een doornen krans omwonden.

Zegt mij, wat Ge in uw liefde voor mij leedt; En 't Kruis, waaraan Gij stierft voor mijne zonden, Vraagt, dat ik nooit uw bitt'ren dood vergeet'!

ocr page 480

460

Mijn Jezus! neen, 'k vergeet nooit uwe liefde, Nooit uwen dood, dien Gij voor mij doorstondt!

Vergeef mijn schuld, waardoor :k uw Hart zoo griefde Om 't kostbaar Bloed vau uwe hartewoud!

Wees gegroet, aanbidd'lijk Harte,

Hart van mijnen Jezus zoet,

Bron van liefde, veil'ge rustplaats,

Godd'lijk Hart, wees mij gegroet.

Welt ook niet, als op Calvarie,

Uit dat Hart het zoenbloed néér,

Steeds nog stroomt er lieilgenade Mild uit de open wonde weêr.

Zie 't nu glanzen in zijn luister,

Zie, hoe glorievol Het praalt,

Tintelend van louter liefde,

Met een gouden glans omstraald.

Koest'rend als de lentezonue,

Stort Het leven iu ons hart;

Zorg en duisternissen wijken,

't Breekt de neev'len, stilt de smart.

Mocht één straal slechts van die liefde

Dringen in mijn kil gemoed! — Zij geprezen, lieve Jezus,

quot;k Voel reeds uwen liefdegloed

ocr page 481

461

Jezus, de uwe wil ik wezen;

In miju hart heb ik een troon Voor U, Koning, opgeslagen.

Kom, en vestig daar uw woon.

Snoer mijn hart met 't Uwe samen.

Dat noch vreugd, noch smart het scheid', Aan uw Harte wil het rusten,

Rusten tot in eeuwigheid.

7.

Zingt den lof van Jezus' Harte,

Door der liefde gloed verteerd;

Uit der heem'len eeuw'gen luister Heeft Hij zich tot ons verneerd.

Ziet, een zee van liefdestralen

Breekt er uit zijn godd'lijk Hart,

Dat uit liefde heelt geleden, 1 , . Tot den dood gefolterd werd. J

Wie kan Jezus' liefde meten,

Onbegrensd als de oceaan?

Zie, mijn ziel, door wreede knechten Laat Hij zich aan 't kruishout slaan.

Gij, mijn Heiland, zoo vernederd, Gij aan 't schand'lijk Kruis voor mij !

God van onbegrensde liefde, 1 ^ O, hoezeer bemindet Gij! J

Uit des Heereu Hartewonde

Vloeit een stroom van godd'lijk Bloed;

ocr page 482

462

't Is de liefde van ziju Harte,

Die den Heiland lijden doet!

Spoedt u henen naar de heilbron,

Die ontsprong op Golgotha,

Komt en drinkt met volle teugen 1 , ■, Uit dien vloed van heilgena. j ls'

Godd'lijk Hart van mijn Verlosser,

Koester en ontvlam mijn ziel! Dat een vonk van uwe, liefde Koest'rend daarin nederviel!

'k Zal op aarde U dan beminneu,

U. mijn Jezus, U mijn Al,

Tot ik eenmaal in den hemel 1 , Eeuwig U aanschouwen zal. J '5'

VAANDELLIED

van deu Zoeten Xaam Jezus.

Heft uw blikken naar het vaandel,

Broeders, op dit blijde feest!

Zingt den Zoeten Naam van Jezus,

Eén van hart en één van gee«t. (bis). 't Leert u strijden voor den Heer, ?t Leert u lijden voor zijn eer;

't Maakt u, zonder smet of blaam, Ridders van den Zoeten Naam! (bis).

^ olgt uw vaandel, mannen-broeders. Onverschrokken in den strijd

ocr page 483

463

Voor den Zoeten Naam van Jezus,

Door de lastertaal ontwijd! (bis).

Door Gods wonderkracht gesterkt, Met het heilig. Kruis gemerkt,

Blijft gij, zonder smet of blaam, Ridders van den Zoeten Naam. {bis).

Heft uw blikken naar het vaandel. Waar gij Jezus' Naam ontmoet: Al uw lijden wordt gelenigd

Door dien Naam, zoo hemelzoet! (bis). Als gij 't Kruis van Jezus ziet.

Vlucht gij kruis eu lijden niet,

Blijft gij, zonder smet of blaam, Bidders van den Zoeten Naam. (bis).

Volgt uw vaandel onverschrokken

Tot uw laatsten levensdag:

Met den Zoeten Naam gewapend

Blijft gij meester in den slag. (bis.) Jezus kroont u na den strijd Aan zijn Zoeten Naam gewijd.

Slaat u, zonder smet of blaam.

Ridders van zijn Zoeten Naam. (bis.)

ocr page 484

464

KERSTLIEDEREN.

l.

Herders! hoe ontwaakt gij niet ? Schouwt iu 't ronde, wat geschiedt! Hoort! een stem van liemelingen Klinkt door lucht en sterrenkringen: Gloria, Gloria!

O! wat wonder werd deez' nacht Hier op aarde wel volbracht ?

Ziet, de glans van 't firmament Maakt iets heiligs ons bekend.

Hoort gij ginds die eng'lenstem. Die ons roept naar Bethlehem? Van een Maagd, door God verkoren, Werd een heilig Kind geboren:

(Tloria, Gloria!

't Is de Schepper van 't Heelal, Die daar ligt iu d' armen stal: Herders, spoedt u, spoedt u voort Naar 't van God gezegend oord.

Wat geschenken voert ge meê ?

Kiest ge van uw schoonste vee? Ach, van 'tgeeu gij op kunt dragen. Zal uw hart Hem 't meest behagen : Gloria, Gloria!

Neen, geen offer is te groot Voor het Kind, dat God ons bood; Maar geen schijnt Hem ook te kleen, Brengt uw liefde 't naar Hem heen.

ocr page 485

4«5

Welkom Kindje, wees gegroet; Zie ouze offers aan uw voet; Welkom, dierbaar Wicht in 't leven! Mogen we ü ons harte geven ! Gloria, Gloria!

Glorie zij aan God omhoog! Vreugde straalt ons uit het oog. Want Gij, Kindje, God en Heer, Daalt hier vredebrengend neêr.

Lieve Moeder vau dit Wicht, Dat in de arme kribbe ligt,

Boven allen uitgelezen Moest gij Jezus' Moeder wezen; Zuiv're Maagd, Moedermaagd, Als ge in liefde hoog verrukt, 't Heilig Kind aan 't harte drukt, Neem naast Hem, die ons bemint, Kik van ons dan aan als kind.

Herders, hebt gij niet vernomen,

In der eng'len blij geschal,

Dat de Eedder is gekomen,

Die heel de aard' verlossen zal?

Ziet den hemel overgoten

Met verrukking buiten grens:

Juicht! de vrede is weer gesloten Tnsschen d' Opperste en den mensch.

ocr page 486

466

Denkt, hoe Cfod ous al te gader

Boven mate heeft bemind,

Daar de Zoon van God den Vader

Nederdaalt gelijk een Kind;

Heel de wereld was verloren.

Als ons Jezus redding bracht,

In een armen stal geboren,

Midden in den winternacht.

Komt, laat ons den Heer gaan vinden,

't Harte vol van dankbaarheid.

Ziet, in doeken laat zich winden

De allerhoogste Majesteit.

Laat ons dien Verlosser loven.

Laat ons zingen voor en na,

Met de Geesten van hierboven: In Excelsis gloria.

3.

De schaduwen verdwijnen, Wij zien aan 's hemel's trans, Met schitterenden glans, De schoonste ster verschijnen: Die heilrijk komt verkonden, Dat 's leven's Opperheer Daalt van zijn zetel neêr Om onze droeve zonden.

Komt allen, stervelingen!

Verheft uw hart en stem, Om 't need'rig Bethlehem Een lofzang toe te zingen.

ocr page 487

467

Want daar is Hij geboren, In eenen armen stal,

Die u herstellen zal, In 't heil, door u verloren.

Komt, volgen wij de reien Van 't juichend eng'lendom, Verzelt den herderdrom,

Jlet rtuiten en schalmeien.

Laat ons den lof verbreiden Van wie voor onze schuld Des Vaders recht vervult, En ons ten heil zal leiden.

Geeft eere en lof den Vader, Die iu zijn een'gen Zoon Zijn liefde spreidt ten toon En heilig recht te gader. U, Heer van dood en leven! Zij daarvoor dank en lof Van de aarde en 't hemelhof In eeuwigheid gegeven.

4.

Het ..Eer zij Godquot; in Juda's dreven,

Gezongen door der eng'len stem, Deed eenmaal blijde herders streven Naar d' armen stal van Bethlehem.

ocr page 488

468

Refrein:

Komt snellen wij, o broeders henen, Op quot;t spoor det stille herderwacht;

Ons offeruur is nu verschenen,

Het offer voor de krib gebracht!

Ook wij. wij hooren heden zingen: „Den mensch zij vrede en lof aan God!;'

Ook wij. wij mogen binnendringen, O Jezus! in uw arme grot.

Komt, enz.

Maria's stem, zij roept zoo teeder

Ons naar de krib, naar 't Kindje zoet;

Komt, knielen wij daar biddend neder ]!ij 't Kind, dat onze zonden boet.

Komt, enz.

Kom. Jezus! in ons harte leven, Kom, daal in onze zielen ueêr;

Wij willen IJ ons harte geven,

Schenk Gij ons hart den vrede weêr.

Welkom, lief Kind, dat Maria ons baarde, Komt, stervelingen, staat biddende stil:

Glorie aan God in den hooge, op aarde Vrede aan de menschen van deugdzamen wil.

ocr page 489

469

'k Haak, al heb ik dons nog' doeken, U in 't stalken te bezoeken,

Kindje vol bevalligheid. Dat ons.door uw komst verblijdt. God, mijn hart begint te branden, 't Reikt zoo lieflijk mij zijn handen, 't Kindje vol bevalligheid,

Dat ons door zijn komst verblijdt. Welkom, lief Kind, enz.

Mocht ik eens wat nader treden. Raken aan die teed're leden;

Kindje, waarom lacht Gij zoo In uw arme wieg op stroo? Kom lief Wichtjen in mijn armen, 'k Zal U aan mijn hart verwarmen, Kindje, waarom lacht Gij zoo In uwe arme wieg op stroo? Welkom, lief Kind, enz.

Maar ziet eens dat borstje jagen, Hoort die zuchtjes troosting vragen; Ach, aan mijn geprangd gemoed Doen zijn zuchtjes zoo een goad. Kindje, ziet Gij dan de smarten In het binnenste mijns harten? Ach, aan mijn geprangd gemoed Doen zijn zuchtjes zoo een goed. Welkom, lief Kind, enz

ocr page 490

470

Kindje, kunt Gij lieu die lijdeu En die zuchten, zoo verblijden?

'k Voel dat 't hart, mij lichter wordt. Kindje, nu Gij tranen sfort;

Laat die rollen op mijn wangen,

Die daar aan uw oogjes hangen;

'k Voel dat 't hart, mij lichter wordt. Kindje, nu Gij tranen stort;

Welkom, lief Kind, enz.

'kGa die lieve Moeder vragen Kindje, die U heeft gedragen.

Of ik U in vreugde en nood Eij mag blijven tot den dood.

Wees o Jezus, Gij mijn Broeder,

En die lieve Maagd mijn' Moeder,

Aan uw zijde in vreugde en nood. Wil ik blijven tot den dood.

Welkom, lief Kind, enz.

«.

O held're nacht! die ver de schoonste dagen In hoogen roem en luister overstraalt:

O schoone nacht, waarin een rein behagen En zoete vreugd in onze harten daalt, (bis.)

Een Moedermaagd, uit Juda's stam verkoren. Vereert ons met een' goddelijken schat;

Gods eeuwig Woord, uit haar als mensch geboren, Verschijnt voor ons in David's oude stad. (lis.)

ocr page 491

471

O Israël met uwe uageslaehten,

Staak uw gezucht: ü Jakolrs telg schep moed,

De Heiland, dien uw vaad'ren lang verwachtten, Is opgestaan ijit Jesses' edel bloed, (bis.)

Maar neen, de Held tot Koning ons geschonken, Is niet vergund aan Jakob's zaad alleen,

Zoo ver als ooit do zon en sterren blonken Wordt dra zijn rijk aan ieder volk gemeen, (bis.)

O Vredevorst, o Koning aller vorsten!

Dat Satan's rijk voor uw vermogen zwicht'!

O Heiland, laat ons hart niet langer dorsten Naar 't zoet genot van uw genadelicht, (bis.)

Ja, (iodes Zoon, doe de oude boosheid wijken, Voor godsdienst en voor ware zaligheid,

Dus staat uw rijk tot heil van alle rijken. En groeit en bloeit eu praalt in eeuwigheid, (his).

ocr page 492

472

KINDERLIEDEREN

voor het Oenootscliiip der H. Kindsheid. 1.

Zie wij komen tot U, Heer!

En wij naad'reu zouder schromen, Want wij liooren telkens weer:

„Laat de kindWen tot Mij komen /quot; Daarom Jezus, knielen

Wederminnend aan 1

'Vij, |

i wij | Uw zij. ƒ

Ja, omdat Gij ons bemint.

Wilt Gij zeeg'neud. in ons midden Luist'ren naar de taal van 't kind,

Hooren naar zijn staam'leud bidden. Heer! verhoor dan, vragen wi,, ,

ms.

Het gebed der kinderrij.

God'lijk Kindjen ! eens waart Gij

't Toonbeeld aller kinderscharen; Geef ons Jezus, dat ook wij

In ons hart uw beeld bewaren; Dat uw leveu 't onze zij, \ Dit vóór alles bidden wij. ƒ 'IS'

Jezus, dat uw kinderdeugd

In ons toeneme alle dagen;

Dat we als Gij, in onze jeugd

Steeds ,.aan God en mensch behagen /quot; Geef dat aller streven zij, \

Meer te worden zóó als Gij! J '

ocr page 493

473

•2.

Zie ons andermaal, o Heer!

Naad'ren tot U zonder schromen.

Want wij hoorden 't heden vveêr :

„Laat de kin/V ren tot Mij komen!quot; Kindje Jezus ! o zoo blij 1 ^

Scharen we ons weêr aan uw zij. j

Hoor. o Jezus ! hoor dan nu.

Wat wij U voor and'ren vragen:

Roep de kindekens tot U.

Die met ons mv Naam niet dragen; Dat eens aller danklied zij ; 1 ^.

II alleen aanbidden wij. J

Ginds in 't verre heideuland.

Leven honderdduizendtalien,

Zuchtend dat de zondeband.

Aan hun zielen mocht ontvallen;

Jezus maak die armen vrij 1 Van des duivels slavernij, ƒ

Zegen in deez' heil'gen stond

Allen, die uw troon omringen,

Steun ons kinderlijk Verbond,

Sterk het door uw zegeningen ; Knielend, bidden, smeeken wij; 1 Blijf, o Jezus! ons ter zij. J 's'

ocr page 494

474

3

Liet Kindje Jezus, wees gegroet, Wij liggeu voor U neergebogen,

En zijn vol zuivren liefdegloed En eerbied voor U opgetogen.

O zie op ons genadig neder:

Neem onze beê met goedheid aan;

Lief Kindje Jezus, zacht en teeder. Ach, zie met liefde uw kinderen aan.

O Jezus, glans van 't eeuwig licht, (jij zijt het heil der stervelingen;

(lij, voor wien alle schoonheid zwicht, Duld, dat uw kind'ren U omringen.

Zij kennen TJ als bron van 't leven, Als 's Vaders eengeboren Zoon,

Die ons ten voorbeeld zijt gegeven, Tot loon in de eeuwige hemelwoon.

Lief Kindje zalig is ons lot,

Wij mogen aan U toebehooren;

Wij danken daarvoor U, o God,

En loven U met d' eng'lenkoren;

Maar droefheid moet ons han. vervullen, Wanneer het zich gelukkig ziet;

Want wie de dwalingen omhullen Zijn, Jezus, zoo gelukkig niet.

Hoor Jezus, onze vnur'ge beê

Uedenk uw Kruis en bitt're smarte.

ocr page 495

475

Schenk ook die kleinen uwen vree,

En druk ze aan uw zoo minzaam Harte. Geef, dat zij mede in ü gelooven

Zij, vrijgekocht ook in uw Bloed; Eu eeuwig eens met ons U loven, O, Kindje Jezus, lief en zoet.

4.

Lieve Jezus, hoor ons smeeken.

Luister naar der kind'ren beê;

Laat het harte tot U spreken

Deel ons uw genade meè.

Zie, wij vallen U te voet, 1 Kindje Jezus, wees gegroet. J

In de Kindsheid opgeschreven.

Onder Uw gevolg geschaard.

Kunnen we in ons jeugdig leven Alreeds weldoen op deez' aard.

En dat weldoen doet ons goed, 1 Kindje Jezus, wees gegroet, ƒ 's'

Ja, wij geven blij van harte

't Kleine offer, dat Gij vraagt; En dat Gij, o troost in smarte

Naar het lijdend China draagt.

O dat offer doet zoo'n goed, 1 Kindje Jezus, wees gegroet, ƒ IS-

Zegen Kindje, Vriend der kind'ren. Zegen deze kinderschaar;

ocr page 496

476

Laat hun ijver uooit vermind'reu quot;\'oor die arme klelueu daar.

Jezus zoet, Gij zijt zoo goed; 1 Kindje Jezus, wees gegroet. J

Zegen alle brave mensclien,

Die der Kindsheid bijstand biê.n;

Hoor ons aller beê en wenschen, Doe ons eens uw hemel zien.

ü te zien, is, o zoo zoet, ( Kindje Jezus, wees gegroet. J

ocr page 497

477

GEZANGEN

tot lt;le Moeder van Smarten.

1.

Arm eu als een zondaresse.

Toog Maria tempel waart,

Bood haar Zoon, den lieven Jezus, Aan den Schepper dezer aard; Simeon drukt in vervoering Zijn Verlosser aan het hart.

Maar voorspelt diens heil'ge Moeder Maat'loos groote zielesmart.

Ach Maria, welk een lijden Heett uw Moederhart doorboord. Toen Judea's vorst uit afgunst Betriiems kleinen had vermoord; Toen Gij, duchtend voor het leven Van den kleinen Jezus, vloodt Langs Egypte's woeste wegen. Dat U nauw een schuilplaats bood!

'k Zie li schreiend, o Maria,

Zoeken naar uw dierbaar Kind, 'k Hoor U zuchten: „wijs mij Jezus,quot; „Dien mijn hart zoo teeder mint.quot; Ja, liet drietal droeve dagen,

Dat gij Jezus hebt verbeid.

Waren voor uw moederharte Als een droevige eeuwigheid

ocr page 498

478

Dieper droug het zwaard in 't harte Toen (T apostel Hem verried, Vreezeud voor de doodsgevaren 't Joug'rental uw Zoon A'erliet; 't Lijden werd voor U een doodstrijd. Toen. gegeeseld en gekroond, Uw Geliefde met het kruishout Voor zijn weldoen werd beloond.

Nooit zag iemand zulk eeu lijden Als uw Zoon daar onderging.

Maar als Gij leed nooit een moeder, Toen aan 't Kruis uw Jezus hing; 't Wee-zwaard ging door al uw leden. Bij zijn bitt're zieleklacht,

Toen de bergen luid herhaalden 't Laatste woord: ..Het is volbracht.'

Weenend staart ge in diepe droefheid Op het zielloos lichaam neêr,

't Eust een wijl nog aan uw boezem Maar vergroot uw smart nog meer; Talloos zijn de wreede wonden. Nog gekleurd van 't dierbaar Bloed, Talloos waren ze ook Maria,

In uw diep bedroefd gemoed.

't Leven dreigde U te begeven Bij het overdierbaar graf Van uw teerbeminden Jezus, Die voor ons zijn leven gaf.

ocr page 499

479

Moeder, als ous smarten kwellen, Als ons hart in lijden is.

Schenk ons door uw maatloos lijden Moed en kracht en lafenis.

2.

O Gij droevigste aller vrouwen Laat ons Moeder vol vertrouwen

En vol deernis tot U gaan:

Ziet Ge ons met uw smart bewogen Heb met ons ook mededoogen Hoor. ach hoor uw kind'ren aan.

Hoor. alt;;h hoor ons om de smarte, Die U ging door 't moederharte,

Bij het woord van Simeon; Hoe doorgriefde ü 't vreeslijk lijden, Dat uw Jezus door moest strijden. Eer Hij dood en hel verwon.

Hoor. ach hoor ons om de smarte, Die U ging door 't moederharte.

Toen gij Beth'lem om den dood Van zijn wichtjes hoordet kermen, En gij met uw Kindje in d' armen Bevend naar Egypte vloodt.

Hoor, ach hoor ons om de smarte. Die U ging door :t moederharte Bij quot;t verliezen van uw Kind :

ocr page 500

480

Dat Ge eerst ua drie lange dageu, Na veel vragen en veel klagen,

In den tempel wedervindt.

Hoor, ach lioor ons om de smarte. Die U ging door 't moederharte

Toen Ge uw Zoon ter dood zaagt gaan En Hem ouder 't Kruishout hijgend. Afgemarteld nederzijgend

't Smartelijk oog op U zaagt slaan.

Hoor, ach hoor ons om de smarte. Die U ging door 't moederharte

Toen Gij met uw Zoon gewond. Met Hem al zijn pijnen lijdend,

En den wreeden doodkamp strijdend. Onder 't bloedig Kruishout stondt.

Hoor, acli hoor ons om de smarte. Die U ging door 't moederharte.

Toen, als alles was volbracht,

Gij uw Zoon, van 't Kruis genomen, In uw armen neêr zaagt komen,

Toen Ge aan al uw kind'ren dacht.

Hoor, ach hoor ons om de smarte. Die II ging door 't moederharte.

Toen ge uw Zoon in 't graf geleid. Aan uw' oogen heel onttogen.

Diep bewogen, neergebogen.

Eenzaam, Moeder, hebt beschreid.

ocr page 501

481

Moeder daii de Zeven Smarten,

Zoete troost der droeve harten,

Sta, o sta uw kiud'ren bij, Dat we dragen al de dagen 's Levens plagen zonder klagen. Leer ons lijden, zoo als Gij.

Ach, dat ik genezing vonde Van de wonde mijner zonde.

Die ik pleegde, keer op keer; Voer, o Moeder van erbarmen!

Voer mij in de broederarmeu Van uw lieven Jezus weer.

Ach, dat mij uw beê vervverve, Dat ik leve, dat ik sterve

In de liefde van uw Zoon;

Dat ik zegenrijkste Vrouwe!

Eens uw heerlijkheid aanschouwe. Waar Gij zetelt naast zijn troon.

Aan den H. Dominicus.

(o Spem miram.)

O! wat wondervol betrouwen.

Mocht Ge in 't uur van uwen dood In der droeven hart ontvouwen.

Wien Ge uw laatsten zegen boodt.

ocr page 502

482

Gij beloofdet na uw sterven 't Overdierbaar bloed'rental.

Gnnst en luilpe te verwerven Op den weg door 't tranendal.

Vader! laat uw blijde woorden Altijd in vervulling gaan.

Blijf ons in deez' ballingsoorden Met uw beê ter zijde staan.

In ontel'bre lichaamskwalen,

Deedt Gij, groot in wondermacht,

's Hemels bijstand nederdalen,

Hebt Gij uitkomst aangebracht.

Vader, zie ons door de zonden

Zwak en krank naar hart en geest,

Gij. die onze zielewonden

Door uw smeekgebed geneest.

Eere zij den eeuw'gen Vader,

Eere zij den eeuw'gen Zoon,

Met deu H. Geest te gader !

Lof en dank en jubeltoou!

Hulde aan den H. Patriarch Dominicus,

Insteller van de Orde der Predikheeren.

Wat flonk'rend licht schijut aan den hemel, Wat held're ster verspreidt haar glans,

Wie troont nu boven 't stargewemel,

ocr page 503

48a

Biedt zijne hulp vau 's hemels trans? Wie deed eens 'thart vau liefde ontgloeien, Een traan aan veler oog ontvloeien, Wie bood het- hart den vredekus. Wie heeft, zes eeuwen ruim geleden,

Voor Jezus' eer met vuur gestreden? Wie anders dan Dorainicus?

God zond zijn' Engel op deez' aarde,

,.(Ta.quot; sprak Hij, ,.zoek me eeu moedig held ,.Die in mijn oog heeft groote waarde, „Die Satans macht eens nedervelt.quot;

Dra heeft die Engel, afgezonden.

Dien heil'geu Strijder hier gevonden.

In Guzman's edel nageslacht 't Was Aza's dochter, die het leven Dien edelen Krijger heefc gegeven.

Zoo hoog door iedereen geacht.

Een fakkel toont hoe iu de zielen Het liefde-vuur ontvlambaar is,

Hoe hij. bij biddend nederknielen.

Een licht zal zijn in duisternis. Een ster toont, hoe hij iu zijn leven Door deugden-glans zal zijn omgeven,

Zal schitt'ren op zijn heldenbaan; En hij. getrouw aan 's Heeren Woorden, Daar men alom zijn stem aanhoorde. Bewand'len der Apost'len paan.

ocr page 504

484

Bezield met ware uaasteuliefde,

Trok hij zich 't lot der mensoheu aau, Eu niets, dat 't teeder hart meer griefde

Dan hunne snoode leer en daan. Een lelie, vlek'loos rein van hare.

Roos van geduld iu lijdens-smarten,

Een afgrond van ootmoedigheid,

Bevlekte zonde nooit zijn' handel,

Toch was zijn gansche levenswandel Een spiegel van boetvaardigheid.

Toen tij door liefde-vlam ontstoken,

Jehova's eere had verbreid,

Heeft diens (iezant hem toegesproken: „Treed in de vreugden, U bereid,quot;

Nu is de goede strijd gestreden En zijne ziel in 't zalig Eden,

Tot voor den troon van 't Lam geleid. Nu juicht hij, waar Gods Heü'gen troonen. Geniet aldaar het rijkst beloonen,

De kroon der eeuw'ge heerlijkheid.

Tot U dan wenden we ons te gader,

O! sta ons bij in allen nood.

Wees hier een Voorspraak en een Vader,

Ook in het uur van onzen dood.

Wees ons een toevlucht in het lijden.

Help steeds des Satans list bestrijden.

Geleid ons op de rechte baan.

Wil door uw beden ons verwerven.

Dat wij. als Gij eens mogen sterven, Als Gij den hemel binnengaan.

ocr page 505

485

Op den feestdag van den H. Dominicus.

Insteller van den H. Rozenkrans.

Scliooustraleude ster van geleerdheid en deugd.

Heraut van liet heuielsclie Hof,

Uw feestdag verheugt ons. ontlokt aan ons hart De tonen van jubel en lof.

Bemind bij uw God en de hemelsche Maagd,

Ontvangt Gij de Rozenkransgift,

Gij predikt den ketters het ware geloof. Beteugelt hun toomlooze drift.

Verslonden door liefde tot God en den mensch,

Wiens jammer U 't harte doorboort.

Gevolgd door uw trouwen, doorkruist Gij het land, Strooit kwistig het zaad van Gods woord.

Gesterkt door Gods kracht en verlicht door zijn

[Geest,

Vereenigt Gij mannen te zaam.

Die. drukkend het spoor, dat de Meester hun liet. Verwierven onsterflijken naam.

Uw Orde, bewaakster van 't Heiligdom Gods,

Bewaart uwe wijsheid en deugd.

Zij leidt steeds het menschdom langs 't doornige

[pad

Naar d' eeuwig onstoorbare vreugd.

Een leven van liefde, verdiensten en smart quot;Word heerlijk bekroond door uw dood,

ocr page 506

486

Toon Gij, op den grond uwer celle geknield, Uw kind'ren den zegen nog boodt.

„Mijn kiud'ren,quot; zoo spraakt Gij, „ach staakt uw

geween,

„Tk ga naar het hemelsche feest,

„Voor u zal ik smeeken, u nuttiger zijn „Dan quot;k u op deez' aard beu geweest.quot;

Welaan dan. Apostel van waarheid en deugd,

O Vader, zoo liefd'rijk eu teer.

Ach zie op uw feest, dat ons harte verblijdt, Met teederen blik op ons neer.

O sta voor den Rechter van hemel en aard

Uw kind'ren als voorspreker bij.

Verkrijg ons genade in den rampvollen strijd Eu 't hemelsche vreugdegetij.

Ter eere van de H. Catharina van Sene.

Leve Jezus, onze God!

Wie zijn liefde toebehooren,

Deelen hier ziju kelk en lot,

Worden door het Kruis herboren.

Boven klinkt het feestkoraal:

„Door het Kruis de zegepraalquot;.

Sene's schoone passiebloem Droeg het merk van Jezus' lijden,

_ 1

ocr page 507

487

Zijne smaadheid was haar roem, Zijne wonden haar verblijden;

Blijde klonk haar liefdetaal:

..Door het Kruis de zegepraalquot;,

Zingt dau Catharina's lof!

In het midden der choraleu Kwam uit 's wereld droevig stof Jezus zijne Bruid onthalen Aan het hemelsch Bruilofsmaal, — „Door het Kruis de zegepraalquot;.

Uitverkoren, sterke vrouw,

Steun den Paus door uwe bede; Lenig onzen diepen rouw;

Schenk de Kerk gewenschten vrede, 't Kruis is sterker dan het staal; „Door het Kruis de zegepraal''.

Loflied tot den H. Martelaar Joannes.

(Wijze ; Maria's beeld te midden.)

Joannes! U vereeren

We in onze vromen zang,

Moog ons uw voorbeeld leeren.

Ondanks elk aardsch belang.

Steeds naar Gods eer te streven.

Voor Hem alleen te leven. Ons voorspraak! ons toevlucht!

Joannes, bid voor ons. (bis.)

ocr page 508

488

Getrouw aan Gods genade,

Naamt Ge 111 den kloosterstaat Doraiuicus tot Vader,

En ied're sckoone daad Van zijn geheiligd leven

Zocht Ge in ü weer te geven. Ons voorspraak! ons toevlucht!

Joannes, bid voor ons. (bis.)

Uw ijver heeft geschenen

Op Neêrlands dierb'ren grond, Waar Gij Gods Kerk zaagt weenen

Om 't leed, dat Ze ondervond; En treffend was uw streven,

Haar bloei te doen herleven. Ons voorspraak! ons toevlucht!

Joannes, bid voor ons. (bis.)

Als Gorcums kudde zuchtte.

Van herders wreed beroofd.

Deed U 't gevaar niet vluchten.

Toen stondt Gij aan haar hoofd ; En troosttet de bedroefden,

Die uwe hulp behoefden, Ons voorspraak! ons toevlucht!

Joannes, bid voor ons. (bis.)

Toen Gij van erfschuldbauden

Een doop'ling zoudt, ontslaan, Zaagt Ge eensklaps uwe handen Met ketenen belaan.

ocr page 509

489

Uw leven was verloren,

Vóór 't kindje werd herboren; Ons voorspraak! ons toevlucht!

Joannes, bid voor ons. (bis.)

Men wilde U nog bevrijden,

Hadt Gij 't geheim ontkend,

Dat ketters steeds bestrijden In 't Outersacrament.

Doch 't mocht hun niet gelukken, U 't waar geloof te ontrukken. Ons voorspraak! ons toevlucht!

Joannes, bid voor ons. {his.)

U werd het gruwzaamst lijden En smart op smart bereid,

Om U te doen bestrijden, Des Pausen waardigheid.

Doch Gij bleeft onbezweken.

Voor Rome's grootheid spreken Ons voorspraak! ons toevlucht!

Joannes, bid voor ons. {Lis.)

Hoe blijde liet Gij 't leven.

Toen U de Mart'laarskroon

Zoo roemrijk werd gegeven, Met juichend vrengdbetoon.

Zaagt ge ü ten dood geleiden Den hemel U bereiden. Ons voorspraak! ons toevlucht!

Joannes, bid voor ons. (bis.)

ocr page 510

490

Thans troont Gij in deu Hoogen,

Omstraald met glans en eer, O! zie met minzame oogen.

Op Neêrland' kind'ren neer! Wil ons uw bijstand geven, Verwerf ons 't eeuwig leven ! Ons voorspraak! ons toevlucht! Joannes, bid voor ons. (bis.)

Ter eere van de H. Barbara,

Patrones tegen een haastigen en onvoorzienen dood.

U, Barbara, begroeten

Kn prijzen wij, de Maagd,

Die 'n kroon van blanke lelies

Met martelpalmen draagt;

Die moedig 't jeugdig leven Voor Jezus hebt gegeven.

O heil'ge beschermster, Barbara, bid voor ons!

O Maagd, die door de liefde

Waart als de sterke vrouw. En ondanks pijn en folt'ring

Uw Meester bleeft getrouw; Wij, zwakken, vreezen 't lijden, Uw voorbeeld leere ons strijden. O bcil'gc beschermster, Barbara, bid voor ons!

In !t laatste uur uws levens, Stond Godes kracht U bij; Als 't doodsuur voor ons nadert,

ocr page 511

491

Sta dan aan onze zij,

En geef aan 't angstig harte Den Trooster onzer smarte.

O heil'ge beschermster, Barbara, sta ons bij

Bede tot de H. Barbara.

De zieken hoort men tot U smeeken; O Barbara! elk roept U aan;

Wijl tal van feiteu luide spreken,

Hoe Gij hen steeds hebt bijgestaan.

Strek dan ook mij tot schild en wapen, Bid God dat Hij niet streng wil zijn,

Laat mij in zijn genade ontslapen,

Bevrijd mij van de helsche pijn.

Wanneer de spraak mij zal begeven, Ik strijden zal den laatsten strijd.

Bewaar mij in dat uur van beven Voor 's duivels groote listigheid.

Toon dan mijn patrones te wezen.

Treed gunstig voor mij tot Gods troon.

Verwerf me een sterfuur zonder vreezeu. Vol hoop op 't sehitt'rend hemelloon.

Ik zal uw deugden altoos prijzen,

Zoolang ik leven zal op aard;

Maar meerder nog U eer bewijzen,

Zoo Gij voor de eeuwigheid mij spaart.

Bij 't slaken van mijn lichaamsbanden. Daal dan tot mij met Jezus neer;

Ontvang mijn ziel in uwe handen,

En schenk ze rein mijn Schepper weer.

ocr page 512

492

Ave Barbara, beata Peccatornm advocata,

Salus morientium.

Ave Virgo, Martyr, ave,

Qnseso mihi Virgo fave

Semper in auxilium.

Nominatim ue gravere

Apud Deum obtiuere

Subito ne moriar; Sed ut omnibus peccatis

Ante mortem expiatis,

Christi carne fovear.

Tua intercessione,

Eite frui valeam.

Fac, ut ope tua mecnm.

Et post hoc in cnelo te-[cum,

In seternum gaudeam.

Zaal'ge Barb'ra zie teeder Op ons arme zondaars, I neder

In den zwaren stervens-

[strijd. Maagd en Mart'lares, wij

[sraeeken Van uw gunst dit liefde-

[teeken. Dat Gij dan nabij ons zijt.

Wil vooral van God ver-

[ werven. Dat hij voor een haastig

[sterven Ons op uwe bee behoedt; Dat, van alle schuld ont-

|heven. Stervend wij in Jezus le-[ven

Door zijn godd'lijk [Vleescli en Bloed. 'tHeilig Oliesel mijn leden Eer mijn ziel deze aard

[verlaat; Moge ik boven 't stofge-

[wemel Met ü juichen in Gods

[hemel. Waar de vreugde 't hart [verzaadt.


ocr page 513

493

er

sgt;

s-

Sacra quoque uuctione, ; Zalve, o Zalige op uw

[bedeu

■ij e-it.

Ter eere van den H. Antonius van Padua.

Antonius van Padua!

Zoo heilig en zoo goed,

Wij loven God, die door mv hand Zoo vele ivotuVren doet.

,r-

ig

It; it-

,e-

Geen geur cu kleur Vau bloemen is Zoo aangenaam en tijn, Als voor eeu ziel, Die God bemint, Uw schoone deugden zijn! Antonius, enz.

en rd

?e-

)ds

De liefde Gods Eu Godes eer Bewogen uwe tong; Waardoor berouw Eu zaal'ge vrees lu aller harten drong. Antonius, enz.

art

Gij waart eeu schild Eu zijt het nog,

Voor de onschuld in gevaar;

ocr page 514

494

Al wie u bidt,

Wordt uwe hulp Iq eiken nood gewaar.

An ton ins, em.

Al komen wij Ook telkens weer Tot U, o menschenvriend, Bij elke bee,

Toon dat men ü Niet vrucht'loos eert en dient. Ant07nus, enz.

£n gTiituleiuur liodie.

Komt, zingen wij met blijden lof, Den Godmensch, die als Koning troont, In wiens verheven gloriehof Antonius nu juichend woont.

Zijns Vaders spoor verlaat hij niet, Maar streeft in al Franciscus na, Om, als een beek haar bron ontvliet. Te spreiden 't water der gena.

Hij stroomt in 't wijde en breede voort. En wie ten dood van dorst versmacht, Herstelt hij, door het zaal'gend woord En 's hemels dauw, in 's levenskracht.

ocr page 515

495

Als zoon is hem eeu steuu zeer hecht Zijn vader, die de wonde draagt,

En zich vertoont aan 't kruis gehecht, Wanneer zijn zoon van 't kruis gewaagt.

In 't strijdperk onder zulk een held Verwon hij zich, werd niet gedeerd, Is, nu door geenen strijd gekweld, Als strijder met zijn hoofd vereerd,

Dat wij, die nog in 't oorlogsland,

Steeds ijv'ren om der vaad'ren kroon. Getrouw aan onzen naam en stand. Met eer verwinnen smaad en hoon.

Dat dit de Vader ons verleen', Des Vaders Zoon, de Heil'ge Geest, De Trooster met hun beiden één; Die ons ten Schepper is geweest.

Si ((Uivris niiracuia.

Verlangt ge een tal van wonderheên ? Eu dood, en ramp, en dwaling vliedt, Jlet duivel, en met pest;

De kranke richt zijn veege leén, Die hij genezen ziet.

De hoei zij valt, de zee, zij wijkt. En jong, en oud, wat gij verloort.

ocr page 516

49(i

Het zij een licliaamslid,

Het zij eeu zaak, die u verrijkt,

Vraagt sleclits, gij zijt verhoord.

Gevaar, lioe dreigend, lioe verblind, Is op zijn voorbeê dra vergaan, En nood, hoe bang, houdt op; Verhaal het ons, die 't ondervindt. Verhaal het Paduaan.

De boei, zij valt, enz.

Eer zij den Vader en den Zoon, Eer zij met Hem den Heil'gen Geest, Eer den drie-éénen God,

Wiens oppermacht en glorietroon Van eeuwen zijn geweest.

De boei, zij valt, enz.

Ter eere van den H. Antonius van Padua.

Gij waart Franciscns waardig,

In ootmoed hem gelijk,

Xn juicht ge als hij verheerlijkt In Jezus' Koninkrijk.

Refrein.

Antonius zoo machtig,

O hoor ons dankbaar lied,

Gezeteld in Gods glorie,

Vergeet nw kind'ren niet.

ocr page 517

497

Gij zocht, om Jezus' liefde,

Als de arme Serafiju,

In armoe hier te leven,

Om eeuwig rijk te zijn.

Antonius, enz.

Hier schitterde in uw ziele De bloem der zuiverheid ; De aanschouwing van Gods aanschijn Werd quot;t loon, U toegezeid. Antonius, enz.

Daar daalde uit 's hemels woning,

In quot;t midden van den nacht, De Zoete Lieve Vrouwe

Die 's werelds Licht ons 'bracht. Antonius, enz.

Zij droeg aau 't moederharte

Het Kind van Bethlehem En groette U eindloos minzaam, Met wonderzoete stem.

Antonius, enz.

Zij liet haar lieven Jezus,

Omstraald door 't eeuwig licht, Aau uwen boezem rusten.

Haar eigen god'lijk Wicht. Antonius, enz.

ocr page 518

498

O help ous Jezus volgen

In blijdschap en in smart,

Opdat wij eeuwig rusten Aan Jezus' god'lijk Hart.

Antonius, enz.

„Avequot; ter eere van St. Antonius van Padua.

O min'lijke Vader,

Thans gunsten gedeeld !

Aan ons hier te gader.

Geknield voor uw beeld.

Ave, ave, Antonius, ave. (bis).

Het Kind is almachtig,

Dat Kind op uw arm,

Dat uw bêe, zoo krachtig.

Zich onzer erbarm'.

Ave, enz.

Gij kent onze harten Nog beter dan wij;

Toon Hem onze smarten ;

Verzachten kan Hij.

Ave, enz.

Die vader vol zorgen

Voor gade en vo'jr kroost.

Zoekt hier in 't verborgen

Bij u zijnen troost.

Ave, enz.

ocr page 519

499

Die moeder zoo teeder

Bnkt onder een kruis ;

Zij bidt en keert weder

Met vreugde naar huis.

Ave, eriz.

De jeugd, die de branding

Der wereldzee ducht,

Komt tegen de stranding

Tot u hier gevlucht.

Ave, enz.

Helpt allen te gader.

Uw kind'ren het meest; ■

Door gunst van den Vader,

Den Zoon en den Geest.

Ave, enz.

De H. Liduina, Patrones van Schiedam.

Stralend boven !t aardsche stof,

Hoor, Liduina, onze bede.

Passiebloem txit Jezus' hof.

Vreugde en glorie onzer stede. O, Liduina, sta ons bij.

Onze Toeverlaat zijt Gij.

Hier streedt Gij veracht, gehoond, Aan het ziekbed vastgeklonken.

Hier steegt Gij gevierd, gekroond.

Naar den hemel vreugdedronken. O, Liduina, enz.

ocr page 520

502

Geleid ons ill dit oord van zoude,

Opdat geeu kwaad ons 't hart verwonde.

Geleid ons aan uw zachte hand Door 't lijden van dit rampvol leven Naar d'altoos blijde heraeldreven;

O, voer ons naar dat Vaderland!

De H. Liduina verheerlijkt op aarde

.Tucht, Christenscliaar, juicht met der eng'lenchoren

Zingt thans den lof der luisterrijke Maagd, Die te Schiedam hoe need'rig ook geboren, Om hare deugd de hemelkrone draagt!

Heil'ge Liduina,

Zie op ons ueer!

Wees immer onze voorspraak Bij Jezus, onzen Heer.

Uw levensloop verborg zich in het duister,

Met zorg ontvlood uw ootmoed aardschen glans. Thans schittert Gij met onverdoofb'reu luister Als tlonkerstar aan 's hemels hoogen trans.

Heilige Liduina, enz.

Wat zoete geur van frisch ontloken rozen,

Het lieflijk beeld van eng'lenzuiverheid,

Ging uit van haar, die Jezus had verkozen Tot zijne Bruid de God van Majesteit!

Heil'ge Liduina, enz.

ocr page 521

503

Gij droegt liet beeld vau Jezus' bitter lijden,

Uw hart werd wreed gefolterd en doorwoud, Doch 's Heeren komst bracht heeliug en verblijden, Een hemelgloed omstraalde uw stervensspond. Heilige Liduina, enz.

U schonk de Heer de teekens zijner wonden, Versterkte uw ziel met kostbre hemelspijs; Gods engel dreef van n de smet der zonden, Eu voerde U op naar 't hemelsch Paradijs. Heil'ge Liduina, enz.

Waak, smeeken wij, waak over uwe stede. Dat Gods gena, haar liefdevol bestraal'; Wij volgen U, gesteund door uwe bede Getrouw en vroom door 't Kruis ter zegepraal. Heil'ge Liduina, enz.

De H. Liduina, verheerlijkt in den Hemel.

Verheven Maagd, hoe straalt in Jezus' choreu

Het lelieblank van uw geuadekleed! Hoe mag uw oog van hemelliefde gloren Nu gij het Lam geheiligd nadertreedt. Heil'ge Liduina

Zie op ons neer!

Wij smeeken U, Liduina,

Bemin uw broed'ren teer.

ocr page 522

504

Hoe laaft gij tliaus met volle leveustogen

Uw brandend hart aan de eeuw'ge liefdebrou! Gij leest verrukt in Jezus' godd'lijke oogeu: Mijn kind, Ik geef wat de aard uiet geven kou. Heil'ge Liduina, enz.

Voor 't aardsche schoon, door u versmaad, omgeven

De glanzen U van 't eeuwig Paradijs; Gij stierft aan de aard: nu troont Ge in 't he-

[melsch leven En zingt het Lam, op hemelsche eng'lenwijs. Heil'ge Liduina, enz.

Gij smaakt den wijn, den hemelwijn der Maagden,

In parelvloed aan Jezus' bruiloftsdisch, Geschonken aan wie hier zijn oog behaagden, Het eeuwig blijk, dat Hij haar Bruigom is. Heil'ge Liduina enz.

O Heil'ge, wij zijn nog in 't kleed der aarde, Zoo vaak ten spel aan 't wilde driftgewoel; Gij roept ons toe: slechts ééne zaak heeft waarde, „Erken, o mensch, uw hemelsch levensdoel!quot; Heil'ge Liduina, enz.

Verkrijg ons kracht om U steeds na te streven, Bescherm de stad, waar Ge eens voor Jezus leedt; En mogen wij, met U gezaligd, leven

Waar gij in 't choor der heil'ge Maagden treedt. Heil'ge Liduina, enz.

L ______

ocr page 523

505

De H. Liduina, de Bruid van Jezus.

ïeed're bloem uit onze stede,

O, Liduiua, wondersclioon

Hliukt gij' iu der zaal'geu lusthof lu de schaduw van Gods troon.

Ja, uw harte was te kostbaar Dat deez' aard het winnen zou;

Jezus wilde uw Bruigom wezen,

Hem schonkt Gij uw liefde en trouw.

Voor dien liruigom uwer ziele Brandde slechts uw zuiver hart,

Hem boodt Gij uw jeugdig leven,

Voor Hem leedt Gij pijn en smart.

Nu ook moogt gij altoos jub'len In de bruidzaal van den Heer,

Schitt'rend in de Maagdenreien,

Zingt ge uw Jezus eeuwig eer.

Daar zijt gij in vollen luister Met den diadeem gekroond,

Dien de Heer ia quot;t bitter lijden U reeds hoopvol had getoond.

Voer ons allen, reiu als eng'len, Uit deez' droeven zondennacht,

Eens den schoonen Hemel binnen,

Waar Gij ons, uw kind'ren, wacht

ocr page 524

506

Jubellied.

Jnbelt met ons, Geestenschareu!

Huwt uw toneu aan ons lied, Dat. van 't aardrijk opgevaren, Met uw lofzang samenvliet.

Jubelt met ons Geestenscliaren! Een zij beider jubellied!

Heerlijk straalt zij in Uw choren, Met uw eigen glans gekroond. Waarin reinheid, eenvoud gloren En de vlam der liefde woont. Heerlijk straalt zij in uw choren, Liduina, rijk gekroond.

Jubelt met ons. Hemelingen,

Op het feest der Stadgenoot', Ja, Gij moogt ons feestlied zingen. Dat ons hart haar glorie bood. Jubelt met ons Hemelingen,

Zij is uwe heilgenoot'!

Dalen Jezus' hemelgaven

Door haar bede in ons gemoed, Laat ze ons dorstend harte laven En het lout'ren door heur gloed Dalen Jezus' liefdegaven Op haar bede in ons gemoed.

ocr page 525

507

Jubelt met ons, Hemelingeu, Eén zij beider liefdetoou, Om Liduina's lof te zingen,

Want zij deelt uw eng'Ientroou. Jubelt met ons, Hemelingen, Eén zij beider liefdetoon.

Gezangen ter Brielsche Processie.

1.

Eenigbn.

Wat spoedt ge, o pelgrimscharen.

Ter vrome beêvaart lieen.

Laat ge aardscke zorgen varen En denkt aan God alleen ?

Allen.

Wij zijn hier vreemdelingen,

Ons doel is uiet op aard'.

Maar iu Gods hemelkringen:

Zoo leert de bedevaart.

Eenigen.

Wat spoedt ge, o pelgrimscharen

Ter heil'ge Hoogtij-Mis,

En knielt gij om de altaren Eu Jezus' Liefdedisch?

ocr page 526

508

Allen.

Is Hij niet hier beneden.

Als pelgrim voorgegaan ? Hem volgen onze schreden Op onze pelgrimsbaan.

Eenkikn'.

O goddelijke goedheid!

Daar is Hij ons ten spijs, En smaken wij de zoetheid Van 't hemelsch Paradijs!

Allen.

Daar wordt voor 't aardsche leven

Ons alle troost en kracht,

Daar alle hoop gegeven Voor onzen stervensnacht.

Eenigex.

Wat spoedt ge, o Pelgrinischaren,

Naar Brielle's stede heen, En brengt er jaar aan jaren Uw lof- en smeekgebeên ?

Allen.

Wij eeren onze Broeders,

Daar voor 't geloof vermoord; Daar werden ze onze hoeders, Wier bede God verhoort.

ocr page 527

509

Eeniobx.

Daar dreef meu onder slagen Hen in processie om,

En steen en straat gewagen Van al hun marteldom.

Allen.

Daar gaan we, o pelgrimscharcn, Waar 't heilig water welt,

Ons in 't gebed vergaren Op 't roemrijk Martelveld.

Eexigkn.

Daar zien zij van hun tronen Ons bidden op lum graf.

En bieden God de kronen, Die hun zijn liefde gaf.

Allmx.

Zoo daalt genade neder Voor ons in allen nood;

Gesterkt gaan wij dan weder Voor leven en voor dood.

ocr page 528

510

Bij het naderen van den Briel.

2.

Laat, pelgrims, laat uw blikken gaan

Waar gindsche toren ligt; Het doel van uwe pelgrimsbaan,

De Briel rijst in 't gezicht; De stad waar Neêrlands Heldental

Voor God het leven bood,

En tot een schouwspel voor 't heelal Gefolterd werd ter dood.

Xog gaan sinds driemaal honderd jaar

Er duizend stemmen om, En markt en weg en alles daar

Spreekt van hun marteldom. Ginds, aan dien overdierb'ren grond,

Is hun gebeent vertrouwd, Waarop huu ziel van 't hemelrond Met vreugde nederschouwt.

Wat is 't voor priesters vol van deugd,

En strijders voor den Heer, Wat is het hun een zielevreugd,

Uw ijver voor Gods eer !

Want huldigt gij hun heldennaam.

Gij looft des Heeren werk, En aarde en hemel juichen saam Ter glorie van zijn Kerk.

ocr page 529

511

Ja, Pelgrims, rijze uw .jubelklank

Ten hoogen hemel keen,

Eu stort uw diepgevoelden dank

Met lof- en smeekgebeên: 't Is Gods gena, dat gij gelooft

In Christus en zijn Bruid,

In haar onfeilbaar, zichtbaar Hoofd, Hij spreekt, en 't pleit heeft uit.

Ja dankt met Gorkums liroederschaar.

Van d' eigen geest bezield. Dat gij met hen om een altaar

En Liefdetafel knielt,

Dat gij ook de onbevlekte Maagd

En Moeder van Gods Zoon, Als kind'ren in uw harte draagt Eu aanroept op haar troon.

O Pelgrims, Pelgrims! quot;t is gena,

Gena, wat ons geschiedt, Ach slaat gij duizend and'rfu ga.

Uw heil, zij smaken 't niet!

Voor u gedankt, voor hen gebeên!

En 't dierbaar Vaderland,

Het zij iu 't oud geloof weêr één, Door Willibrord geplant.

O God van Oppermajesteit!

Aan ü zij dank en eer!

Ach! zie, in goedertierenheid Op onze smeekbeê neêr;

ocr page 530

512

Geef, geef ook om de foltersmart

Van Gorkums Heldeurij,

Dat ik ten einde toe volhard, En met hen zalig zij.

Lof- en Smeeklied op het graf H. H. Martelaren

3.

O, Helden Gods! weert ons uiet af, Hier neergebogen op uw graf; Gekroonde Strijders van den Heer! Uw broeders zingen ü ter eer;

Zij, nog in 't aardsche stof, Zij roepen 't hemelhof En alle taal en stemmen saam, Dat ze, o BroeJertal!

Over 't wijd heelal De glorie melden van uw naam.

O, Helden Gods! weert ons uiet af, Hier neêrgebogen op uw graf; Gekroonde Strijders vau den Heer! Uw broeders zingen U ter eer;

Maar ook, hier smeeken zij: Staat ons toch altijd bij,

Daar is zoo véél, zoo groot gevaar: Dat in allen nood,

Nu en tot den dood, Uw trouwe voorspraak ons bewaar'.

ocr page 531

513

O, Helden Gods! weert ons niet af,

Hier zingend, biddend op uw graf; Gekroonde Strijders van den Heer! Hém zingen wij in U ter eer;

Den Heer en zijne Bruid Verlieffe ons maatgeluid;

Maar spreek' met ons uw martelbloed, Dat Hij door zijn kracht Haar voor 's vijands macht En hier eu op heel de aard' behoed'.

O, Helden Gods! weert ons niet af.

Hier zingend, biddend op uw graf;

Hier steeg uw marteling ten top,

Hier zweefden Eng'len af en op, En brachten TJ de kroon. En voerden IJ ten troon, En 't lichaam, dat tot in den dood Tempel was geweest Van den Heil'gen Geest,

Bleef hier ter rust in 's aardrijks schoot.

Maar eenmaal, Vrienden van den Heer! Eens komen 's hemels Eng'len weer; Aan al de hoeken van 't heelal Weerklinkt hun luid bazuingeschal. En 't lichaam uit het stof Vaart ook ten hemelhof;

Geliefde Broeders, hoort ons aan:

Vraagt, o vraagt, dat wij Dan voor eeuwig blij Met ü ter glorie binnengaan.

ocr page 532

514

1.

Néerlandu Pelgrimscharen,

Klinke uw lofgeschal Voor mv martelaren.

Gorkums Heldental.

Zij, als wij beleden

Wat Gods Kerk gelooft, Doch vooral zij streden

Voor haar zichtbaar Hoofd, Keérlands, enz.

Hem toch zij verkondden

Als de onvvrikb're Rots, Hem, met al hun wonden,

Als 'tOrakel Gods! Keérlands, enz.

Tuigden zij hun Vader,

In den folterstrik:

Wij met hen te gader.

Tot den jongsten snik. Neerland, enz.

2.

Pelgrims! laat ons melden,

Wat nu is geschied:

Zingt van Gorkums Helden Met dit nieuwe lied!

ocr page 533

515

Thans driehonderd jaren Zijn die Strijd'ren Gods

Xeêrlands Martelaren Voor de Petrusrots.

Pelgrims! laat ons melden, enz.

't Is ook om hun beden, Om hun martelpijn,

Dat wij trouw tot heden Rome's kind'ren zijn.

Pelgrims! laat ons melden, enz.

Onze vad'ren streden

Voor d'Onfeilb'ren Stoel:

Wij doen 't met deez' beden, In één zielsgevoel.

Pelgrims! laat ons melden, enz.

Tal vau Kruis-Zouaven Zond ons Nederland,

Die der wereld staven,

Hoe 't voor Rome brandt.

Pelgrims! laat ons melden, enz.

Daar bij 't raadsvergad'ren, Wat elk volk gelooft,

Juichten Neêrlands Vad'ren: „Leev' 't Onfeilbaar Hoofd.quot;

Pelgrims! laat ons melden, enz.

ocr page 534

516

O hoe vreugdedronken Nemen wij liet aan, 't Woord ons toeg'eklonkeu Uit liet Vatikaan.

Pelgrims! laat ons melden, enz.

rTii geloof of zeden

„Wat de Paus bepaalt: 't lloet nu vast beleden, ..Dat hij nimmer faalt.quot;

Pelgrims! laat ons melden, enz.

Juli zag- de glorie

Onzer Helden Gods:

Juli de Victorie Van Sint Pieters Kots.

Pelgrims! laai ons melden, enz.

Dankbaar dan nn stroome

Aller smeekgeschal:

Dat heel Neerland kome Tot den Herderstal.

Pelgrims! laat ons melden, enz.

Dat men eind'lijk keere

Uit de duisternis,

Van een Vader leere Die onfeilbaar is.

Pelgrims! laat ons melden, enz.

ocr page 535

5 17

Voere 't eeuwgetijde

Mart'laars! vau uw dood,

Alwie dolen, blijde

lu den inoedersclioot.

Pelgrims! laat ons melde)/, enz.

Nu, o wilt nu smeeken.

Dat weêr 't Hoofd der Kerk 's Vijands macht moog' breken, In 't geloof ons sterk' I

Afscheidslied der Pelgrims.

x.

Heil, o heil ons, Broederleden!

Pelgrims in dit aardsche dal,

Samen brachten we onze beden

Op het graf van 't Heldental, En herdachten, hoe zij streden.

In ous dankbaar lofgeschal.

't Was ons, of uit hooger kringen

Op het plechtig zegefeest Daar een stem tot ons kwam dringen,

Zoet als van een hemelgeest:

„Weest ook Jezus' volgelingen, „Zóó als wij het zijn geweest!quot;

Met hun heldenmoed voor oogen.

Die de wereld overwint,

In den kampstrijd met den logen

ocr page 536

518

Die zoo menig liavt verblindt, Smeekten we in ons onvermogen:

Sterk, o God! uw wankel kind.;'

Haar gegrift ook is 't daarbinnen: —

God, slaat hel en duivel af, — Trouw ook willen wij beminnen,

Trouw tot in den dood en 't graf, Om de gloriekroon te winnen Die Hij onzen Broeders gaf.

Laat het, dankb're Pelgrimskoren!

Aan het eind der pelgrimsbaan,

Laat het aarde en hemel hooren,

Wat in ons is omgegaan:

't Zij voor God en mensch gezworen, Vast in ons geloof te staan!

Zóó dan spreekt gij: „Amen, Amen!quot;

Met de hand op 't hart geleid „In den Heil'gen Xaam der namen

„Van Gods oppermajesteit,

„Vader, Zoon en Geest te zamen, „Amen! in der eeuwigheid.quot;

Afscheidsgroet.

Bij en op de Terugreis.

5.

Ebnigen.

Ter heilige stede.

Bij 't roemrijke graf,

ocr page 537

519

Daar daalde op mv bede Gods zegening af.

Allen.

Aan U, aan U,

Die tronw ons behoedt,

O Mart'laars! nu

Deez' dankbare groet.

Eenigen.

Daar smeekten wij weder En zongen uw lof:

Gij zaagt op ons neder Van 't hemelsclie hof.

Allen.

Aan U, aan U,

Die sterkt in den strijd,

O Mart'laars! nu Deez' hulde gewijd.

Eenigen.

Wij, vol van vertrouwen, Wij keeren nu weêr:

Gij blijft ons aanschouwen En bidt bij den Heer.

Allen.

Aan U, aan U,

Gij troosters in smart!

O Mart'laars! nu Ons minnende hart.

ocr page 538

520

Eenioen.

Gij bidt om Gods zegen

In al onzen nood,

Op al onze wegen,

In ■tuur van den dood.

AliIIEN.

Aan U, aan U,

Vol liefde en vol macht, O Mart'laars ! nu

Ons afscheid gebracht.

Eenigen.

Doch eerst nog een bede Voor de onzen gedaan, Die reeds in Gods vrede Van hier zijn gegaan.

A llien.

Met ü, met U,

Behage onze beê:

„Geef, Heer! hun nu.

Geef dquot; eeuwigen vreequot;.

Eenigen.

Nog wenden wij de oogeu

Naar 't minnelijk oord. Waar God in meédoogeu Ons smeeken verhoort.

ocr page 539

521

Allen.

Aau U, aau U,

Die trouw ons behoedt, O Mart'laars! nu

Déez' dankbare groet.

SMEEKLIED

Tot onze Oorkomsche Martelaars,

Als Beschermheiligen voor een zaligen Dood.

6.

Klink' Neêrlauds Kerk! uw feestgesclial

Voor Kind'ren van uw grond;

Voor Gorkum's heilig Broedertal Klink' luid uw lofzang rond! Ten derde maal kwam 't eeuwgetij,

Van hun roemruchten dood,

Toen voor 't geloof die Heldenrij Zich God ten offer bood.

Verhef, mijn Kerk van Nederland,

De glorie ons geschied.

Want neen! volmaakter ofFeraud

Dan 't leven is er niet.

En niet een vluchtig oogenblik

Schonk hun de zegekroon:

Eerst lange, bange stervensschrik Verwierf hun 't hemelsch loon.

Maar daarom is hun marteldood Zoo kostbaar in Gods oog.

ocr page 540

522

Spreekt nog die liefdedaad, zoo groot,

Voor ons bij Hem omhoog;

Voor ons, want de ónzen waren zij,

Van landaard, taal en bloed, En daarom, Neerlands Heldenrij!

Neem onze hulde en groet.

Maar vraag ook, dierb're Broederschaar!

Dat, om uw martelpijn,

God ons voor alle kwaad bewaar'

Eu we eenmaal met U zijn;

Die in 't geloof zijt voorgegaan,

Trouw tot den folterstrik.

Vraag, dat ook wij onwrikbaar staan Tot d' allerlaatsten snik.

En daar gij eerst na strijd op strijd

Uw zegepalmen woat,

En nieuwe Schutspatronen zijt

Voor 's levens jongsten stond: O vraagt dan om uw jubeluur

O vraagt bij Jezus' troon.

Voor ons een zalig stervensuur En 't eeuwig glorieloon.

ocr page 541

523

KEVELAARSGEZANGEN.

Bedevaartslied.

1.

Komt, snellen wij verlangend voort Tot Haar, die al de beden hoort, Die rijzen uit het hart;

Aan onze wenschen wordt voldaan, Wij zullen naar de heeplaats gaan Der Troosteres in smart.

Gaan wij gekromd door ziekte of pijn, Maria zal een balsem zijn

Voor 't diepst gewonde hart;

Gij ziet vol goedheid op ons neer En smeekt om troost bij God, d*en Heer, Gij, Troosteres in smart.

Drukt ons de schuld der zonden neer, De Moeder van den Opperheer,

Smeekt voor 't rouwmoedig hart Genade af. bij den hemeltroon,

Van haren welbeminden Zoon, Zij, Troosteres in smart.

Maria, voor IJ neergeknield,

Kom ik, met heil'gen moed bezield.

Tot Uw zóó minnend Hart;

Ach! bid voor mij in allen nood,

Maar meest bij 't nad'ren van den dood, O, Troosteres in smart.

ocr page 542

524

Mogo ik in dat versclirikk'lijk uur,

Bij 't bandenslaken der natuur.

Zacht rusten aau uw Hart;

Dan looft mijn ziel in eeuwigheid,

Het goede, mij door U bereid Als Troosteres iu smart.

Naar Kevelaar.

2.

O driewerf schoone dag, zoo vurig afgebeden. Gij hoort niet langer tot het rijk der toekomst meer! Wij zullen in uw licht den zaal'gen weg betreden. Naar 't wonderheiligdom der Moeder van den Heer.

Kekke en.

Wij gaan naar Kevelaar, de plaats, waar onze

[Moeder

Haar gunsten mededeelt, aan ieder, die ze vraagt; Waar Zij vergeving smeekt, aan God, den Albehoeder, Dien Zij zoo liefdevol op moederarmen draagt.

O, nooit bevlekte Maagd ! zie, hoe wij nederknielen, In deze heii ge plaats, met eerbied voor Gods troon, Wij allen zijn bereid, gezuiverd onze zielen; Zie, goede Moeder, zie, wij snellen naar uw woon. Wij gaan naar Kevelaar, enz.

Nog slechts een weinig tijds, en zie, wij liggen allen. Voor uw genadebeeld ootmoedig in het stof,

ocr page 543

525

Dan zal uit aller borst de schoonejuiclitoou sclmlleu: Maria-Kevelaar zij glorie eer en lof.

Wij gaan naar Kevelaar, enz.

Dan zal uw Moederblik ons aller hart verrukken, Die lach, als honing zoet, die 't kinderhart zoo

[streelt.

Maar ook wij zullen daar dan onze lippen drukken. Met warme geestdrift op uw heilig wonderbeeld.

]17/ gaan naar Kevelaar, enz.

En gunsten zonder tal zult Gij uw kind'ren schenken, Want alles, wat men vraagt, geeft ons uw Moeder-

[macht.

Gij zult ons allen met een stroom van liefde drenken. Die ramp en kwelling stilt en droefenis verzacht. Wij gaan naar Kevelaar, enz.

Zend dus uw zegen af! o hoor toch onze beden Bescherm ons op de reis, keer van ons elk gevaar, Eu leid ons aan uw hand, naar 't zoo bekoorlijk

[Eden

Waar Gij vereerd wilt zijn, naar 't heilig Kevelaar. 117/ gaan naar Kevelaar, enz.

Morgenlied.

Tot Maria Kevelaer.

Welkom, welkom aan de transen,

Gloeiend purp'ren zonneglanzen, —

Blijde morgen, wees gegroet!

ocr page 544

52G

Bode van genade eu zegeu,

't Hart der pelgrims de aarde outstegen, Vliegt U juub'lend te gemoet.

Laat uw goud in stroomen vloeien Op deez' stede, laat ze gloeien Van uw zacliteu purperblos, Kom robijn en parel strooien Voor Maria, kom haar tooien Met der heem'len hoogtijdos.

Zingt met zil'vreu klankgetoover Haar uw morgenlied in 't loover,

Volgelkens, nooit zingensmoe:

Bloemen, wuift met keur van kleuren 't Zoetste van uw morgen geuren Keev'laars Koninginne toe.

Nu verrezen uit uw droomen,

Nu in stroomen saamgekomen

Pelgrims, tot de wonderstad,

Waar heur zegen allerwegen Als een dauw is neergezegen,

Waar zij schatten strooide op schat.

Vrij uw loflied aangeheven,

Waar de Serafs ommezweven.

Haar bezingend nacht en dag;

Vreest geen Moeder: 't is al goedheid, Die u toebliukt uit de zoetheid Van haar milden moederlach.

ocr page 545

527

Nn dan Moeder, vol genadeu, Laat uw armen zich verzaden

Aan uw vollen overvloed: Aller danklied zal zich mengen, Om U stroomen lofs te, plengen Uit het overstelpt gemoed.

Avondlied.

Nu de zou heur avondstralen Over beemd in wei doet dalen,

Laat ons bij haar schemeringen, Onzeu God een danklied zingen.

rbfkeik :

God, mijn God en Vader! Gij mijn Opperheer! Zie beschermend En ontfermend Op Uw hind'ren neer.

Laat ous deze gunst erlangen. Dat Ge ons danklied wilt ontvangen Eeuwig zij uw Naam geprezen. Voor het goede aan ons bewezen. God, enz.

Hadden wij door deugdzaam leven, U steeds lof en eer gegeven!

ocr page 546

528

Doch wil, Vader! ons verschoouen, 't Hart zal grooter liefde toonen. God, enz.

Ja, wij zullen er naar streven, U te dienen heel ons leven:

Hart en ziel in vreugd en lijden, Willen we U voor immer wijden. God, enz.

Wil ons dezen nacht bewaren En voor ieder onheil sparen;

Keer den kwaden lust tot zonden Door uw macht van onze sponden. God, enz.

Wil ons iu uw gunst gedenken.

En ons uw genade schenken;

Doe ons steeds de deugd betrachten. Zoo in werken als gedachten. God, enz.

Wil, o Moeder, die wij eeren,

Door uw bede van ons weren,

Al wat Jezus kan mishagen,

Wien wij zoeken te behagen. God, enz.

Mocht ons unr slaan van verscheiden. Dat dan de Eng'len ons geleiden; Om daarboven lof te zingen, Met hen die uw troon omringen. God, enz.

ocr page 547

529

Afscheid van Kevelaar.

Dierb're Moeder, zie uw kind'reu,

Allen voor uw troon geknield,

Zie de droefheid vau liet scheiden, Zie, wat smarte hen bezielt!

Helder licht aan 's hemels bogen, Onbevlekte morgengloed,

Hoor de kinderlijke tonen

Van deez' laatsten afscheidsgroet

Droevig valt het ja! te scheiden, Van dit heilig wouderoord,

Waar Gij, onbevlekte Moeder, 't Christenhart zoozeer bekoort;

Waar Gij uwe zegeningen

Overvloedig mededeelt,

En ons, uwe dierb're kind'ren, Als een teed're Moeder streelt.

Balsem giet Gij in de wonden,

Olie in 't verscheurde hart,

Droefheid doet Ge in vreugd verkeereu, Bij U vindt men troost in smart; De natuur moet naar ü luist'ren,

Alle pijn en ziekte, kwijnt,

Waar Gij, nooit volprezen zonne, Met uw koest'rend licht verschijnt.

üij, Gij leidt ons door het duister Van dit droevig tranendal,

ocr page 548

530

Breek de strikken vau deu duivel,

Die steeds ziut op onzeu val; Ach. als wij gevallen waren,

Diep, ja onbogrijp'lijk diep,,

't Was toch altijd uwe stemme, Die ons wêer tot Jezus riep.

Dan spraakt Gij voor ons ten beste,

En Hij, trouwe ziele vrind,

Noemde ons weder zijne kiud'reu.

Die Hij altijd teêr bemint.

Door uw voorspraak, lieve Moeder,

Daalde droefheid in ons hart. En Gij gaaft ons hoop en leven Eu vertroosting in de smart.

Valt het dan niet hard te scheiden.

Moeder! van uw zegentroon?

Schreit het hart dan niet vau droefheid. Als men heengaat uit uw woon?

Maar Gij, Moeder, roept ons tegeu: „Kind'ren, weent niet, nog één jaar, ..En gij zult Mij wedervinden,

„In mijn dierbaar Kevelaar.quot;

ocr page 549

531

Te D e u m.

Groote God, TJ loven wij, Onbegrensd is uw vermogen:

Voor uwe opperlieerschappij Ligt heel 't aardrijk neergebogen

Gij bestondt voor allen tijd, Blijvende eeuwig wat Gij zijt.

Alles heft een loflied aan: Cherubijnen, Serafijnen,

Duizend Engelen, die staan Rond uw troon, om U te dienen Alles roept TJ, nimmer moê, Heilig, heilig, heiligquot; ! toe.

Wat uw levenwekkend woord, Groote God der legerscharen,

Ia den aanvang riep liorvoort. Alle scheps'len die ooit waren,

Hemel, aarde en oceaan.

Alles heft een danklied aan.

Op verrukkelijken toon.

Zingt het heer der uitverkoren, Xeêrgebogen voor uw' troon. Martelaars, Apostelkoren,

Alles huldigt met geschal: U als Koning van 't heelal.

ocr page 550

532

Gij, de spil waar 't Al om draait, Door wiens hand ontelb're zonnen,

Zijn door 't maatloos ruim gezaaid. Hoort Ge uw lof, o Onbegonnen, Een'ge Vader van 't bestaan.

Door der cliristenen citer slaan?

Lof 't drievuldig in persoon,

't Eenig onbesef baar Wezen,

Lof ü, 's Vaders een'gen Zoon, Op denzelfden toon geprezen ;

Lof U, Geest die 't Al vervult, Waart en zijt en wezen zult.

Hij, des Vaders eeuwig Woord, En te Bethlehem geboren,

Hij, die eene Maagd bracht voort Door U, zelv' daartoe verkoren,

Gij vergoot uw dierbaar Bloed En verwierft ons 't hoogste goed.

Aan des Vaders rechterhand Zijt Ge in heerlijkheid gezeten,

En als Ge eens de vierschaar spant. Zult Gij, Eechter, ons geweten.

Na het laatst trompetgeschal. Openbaren aan 't heelal.

Sta dan uwe dienaars bij,

Die voor ü en met U strijden;

Met uw Bloed kocht Gij ze vrij.

ocr page 551

533

Toen ü Golgotha zag lijden;

Laat ons na dit tranendal, Juichen met het eug'lental.

Zie üw volk genadig aan,

Help het; zegen Heer, uw erve,

Leid ons op de rechte baan. Dat geen vijand ons verderve; Open ons de gloriezaal, Wij zijn uwe zegepraal.

Alle dagen zullen wij Uwe wond're goedheid prijzen.

Aan uwe opperheerschappij Eindeloozen dank bewijzen;

Help in d'allerlaatsten strijd, Wie uw heil'gen Naam beleidt.

Zoete Jezus, onze Heer,

Stort meêdoogend uwen zegen Op de christenvolk'ren neèr; Zie, ons harte klopt U tegen: Op U, Jezus, hopen wij ; Dat die hoop nooit ijdel zij.

ocr page 552
ocr page 553

LATIJNSCHE GEZANGEN,

(Met Hollandsche vertaling)

ocr page 554

536 Adoro te.

(van St. Thomas v. Aq.).

Adoro Te devote, latens Deltas,

Quae sub his figiuis vere latitas:

Tibi se cor meum totnui subjicit,

Quia Te contemplans totum deftcit. Ave Jesn, vere Mauhu, Christe Jesu, Adauge fldem omnium in te credentium.

Visus, gnstus, tactus in Te fallitur, Sed auditu solo tuto creditnr,

Credo quidquid dixit Dei Filins, Nil hoc verbo veritatis verius.

In cruce latebat sola Deltas,

At hie latet siinnl et hnmanitas:

Ambo tarnen creders, atque contiteus, Peto quod petivit latro pcenitens.

Plagas, sicut Thomas, non intueor, Deum tarnen meum Te confiteor, Fac me Tibi semper magis credere. In Te spem habere, Te diligere.

O memoriale mortis Domini 1 Panis vivus vitam pnestans homini, Prpesta mese menti de Te vivere, Et Te illi semper dulce sapere.

ocr page 555

537

Pie PeHicane, Jesn Domine. Me immundum munda tuo Sanguine, Cujus una stilla salvum facere Totum mumdum quit ab omni scelere.

Jesu, quern velatum nunc aspieio, Oro flat illud quod tam sitio:

Ut Te revelata cernens facie.

Visu sim beatus tupe glorife.

Lofzang „Adoro Tequot;.

(van St. Thomas v. AqJ.

*k Bid, verborgen Godheid, U deemoedig aan, Onder deez' gedaanten waarlijk schuilgegaan, 'k Geef voor U mij t' ouder met verstand en al, Daar ik, ü aanschouwend, raacht'loos nederval.

In U worden, oogen, smaak en tast misleid. Maar ook 't enkel hoeren biedt geloofbaarheid. Wat Gods Zoon verkondde, neem ik willig aan, Boven 't woord der Waarheid kan geen waarheid

[gaan.

Ging aan 't kruis de Godheid voor den blik te loor, Hier toont van de Menschheid mede zich geen spoor, Beiden toch geloovend en belijdend meê.

Slaak ik met den moorder rouwvol de eigen beê.

ocr page 556

538

'k Mag geen blik — als Thomas — in uw wonden

[slaan,

Maar roep toch geloovig als mijn God U aan; Plant mij dat gelooven altoos vaster in,

Streev' naar U mijn hope, naar U 's harten min.

O herinneringsteeken van des Heeren dood. Levend, en het mensehdom leven schaffend Brood, Geef toch, dat ik leve van uw levenskracht, Eu steeds onverzadigd, naar uw zoetheid smacht.

Pelikaan vol liefde. Gij Heer Jezus goed,

Wasch mij, zoo vol smetten, smet'loos in uw Bloed, Dat, waar' 't ook één droppel, 't gansclie wereldrond, Van zijn zondenschulden, tot de laatste ontbond.

Jezus dien 'k omsluierd hier slechts schouwen mag, O moog 't eens geschieden, -— 'k reikhals naar

dien dag! —

Dat ik U ontsluierd, blikke in 't Aangezicht, En mij zalig staroog aan uw glorielicht.

Amen.

v. Panem coeli dedit j v. Hij heeft hun het eis. | brood des hemels gegeven.

e. Panem Angelorum: a. De mensch heeft manducavit homo. het brood der Engelen

gegeten.

Oremus. Gebed.

Sancti nominis tni. Do- Geef, o Heer. dat wij mine, timorem pariter. altijd vrees en tevens

ocr page 557

539

et amorem fac nos habere perpetuum: quia numquam tna gnberna-tione destituis, quos in soliditate tuse'dilectionis instituis. Per Christum Dominum nostrum. Amen.

liefde hebben voor uwen H. Naam; omdat Gij nooit ophoudt hen te besturen, die Gij in de duurzaamheid Uwer liefde bevestigt. Door Christus onzen Heer. Amen.


Jesu duicis memoria

(Zie bl. 293.)

Jesu duicis memoria.

Dans vera cordi gaudia: Sed super mei et omnia.

Ejus duicis prïesentia.

Nil canitur suavius, Nil auditur jucundius, Nil cogitatur dulcius.

Quam Jesus Dei Filius.

Jesu, spes poenitentibus, Quam pius es petentibus; Quam bonus Te quferentibus. Sed quid invenientibus!

Nee lingua valet dicere, Nee littera exprimere; Expertus potest credere.

Quid sit Jesum diligere.

ocr page 558

540

Vóór den Zegen met het H. Kruis.

„Defensorquot; Zie blz. 86.

Oremus.

Eespice qufesnmns Domine super liane familiam tnam, pro qua Dominus noster Jesus Christus, nou dubitavit mauibus tradi noceutium et Crueis subire tormentum. Qui vivis etc.

Ave verum.

Ave verum Corpus, natum de Maria Virgine!

Vere passum, immolatum in Cruce pro homilie ;

Cujus latus perforatum vero fluxit Sanguine;

Esto nobis prfegustatum mortis in examine.

O dulcis! o pie! o Jesu! Pili Marive!

Wees gegroet, waarachtig Lichaam, geboren uit de Maagd Maria. Dat waarlijk geleden heeft, en op het Kruis voor deu mensch is geslachtofferd, Uit wiens doorstoken zijde waarachtig Bloed vloeide. Wees ons een voorsmaak in het uur des doods. O zoete! o goedertieren Jezus! o Jezus. Zoon van Maria!

Ave Maria.

Ave Maria, gratia plena, Dominus tecum: be-nedicta tu in mulieribus, et benedictus fructus ventris tui, Jesus. Santa Maria, Mater Dei, ora pro nobis peccatoribus, nunc et in hora mortis nostrie. Amen.

Wees gegroet Maria. enz.

ocr page 559

541

v. Angelus IJomini nua-tiavit Marise.

k. Et coucepit de Spiri-tu Sancto.

Ave Maria, etc. v. Ecce ancilla Domini.

e. Fiat mihi secundum verbum tuum. Ave Maria, etc. v. Et Verbum Caro factum est. k. Et liabitavit in nobis.

Ave Maria, etc. v. Ora pro nobis Sancta

Dei Genitrix, r. Ut digni efficiamur promissionibus Christi.

Oremus.

Gratiam tuam, qutesu-mus Domine, mentibus nostris infunde, ut qui Angelo nuntiante Christi Eilii tui incarnationem coguovimus, per passio-

:lus.

v. De Engel des Heeren heeft Maria geboodschapt.

a. En Zij heeft ontvangen van den H. Geest. Wees gegroet, enz. v. Zie de dienstmaagd

des Heeren.

a. Mij geschiede naar uw woord.

Wees gegroet, enz. v. Eu het Woord is

Vleesch geworden. a. En heeft onder ons gewoond.

Wees gegroet, enz. v. Bid voor ons, heilige

Moeder Gods, a. Opdat wij waardig worden de beloften van Christus.

Laat ons bidden.

Wij bidden ü, o Heer, stort uwe genade in onze harten, opdat wij die door de boodschap des Engels, de mensehwording van Christus uwen Zoon ge-


ocr page 560

542

nem ejus et crucem, ad keud hebbeu. door zijn

resurrectiouis gloriam lijden eu Kruis tot de

perducamur. Per eumdem heerlijklieii der verrijze-

Christum Dominum nos- uis • gebracht worden.

trum. Door denzelfden Christus

r. Amen. onzen Heer. Amen.

Zij die het Angelus, en in den Paaschtijd het Regina coeli, dat hierna volgt, 's morgens en 's avonds, bij het luiden der bedeklok bidden, verdienen een vollen aflaat, eenmaal in de maand, onder de gewone voorwaarden; en 100 dagen, eiken keer, als zij die gebeden op de aangegeven wijze bidden.

Benedictns XIll, 14 Sept. 1724. 's Zaterdags avonds en Zondag moet men het .A«/r/t7«.s staande bidden. Hét Hegina coeli bidt men in den Paaschtijd tot aan 't feest der H. Drievuldigheid, altijd staande.

Ave maris Stella.

Ave maris Stella, Dei Mater alma,

Atque semper Virgo, Felix coeli porta.

Sumens illud Ave Gabrielis ore,

Funda nos in pace, Mutans nomen Evte!

Solve vincla reis, Profer lumen csecis. Mala nostra pelle, Bona cuncta posce.

ocr page 561

543

Monstra Te esse Matrem: Sumat per Te preces, Qui pro nobis Natus Tulit esse tuus.

Virgo singularis 1 luter omnes mitis: Nos culpis solutos Mites fac et castos!

Vitam prresta purarn, Iter para tutum, Ut videntes Jesum, Semper collsetemur!

Sit laus Deo Patri, Summo Christo decns, Spiritui Saucto,

'i'ribus honor xmus. Amen

Ave maris Stella.

Wees gegroet, Gij ster van 't meer Vruchtb're Moeder van den Heer. Altoos Maagd gebleven,

Gulden poort der hemeldreven.

Wie uit Gabriels Eng'lenmond Eenmaal 't „Avequot; werd verkond, Andere Eva geef ia stede Van vervloeking, hemelvrede.

ocr page 562

544

Slaak de zondaars uit den strik! Ach! verlicht dier blinden blik!

Alle kwaad verjagend,

Alle goed voor 't menschdom vragend.

Toon den moedernaam ü waard; Dat Hij onze bede aanvaard, Die, om ons geboren,

Aan ü wilde toebehooren.

Maagd, der maagden reinste bloem 1 Zachte Maagd, der zachten roem: Wierd ik. vrij van zonden.

Zacht en kuisch als Gij bevonden!

Louter Gij ons levensbaan,

't Pad beveü'g'end, dat wij gaan; Zóó, dat we U ter zijden Jezus zien, met de eeuwig blijden!

Zij aan God den Vader eer, Christus, onzen hoogen Heer, En den Geest te zameu!

Allen de eigen glorie. - •- Amen.

ocr page 563

545

O Sanctissima.

O sanctissima, o piissima, dulcis Virgo Maria, Mater amata, iutemerata, ora, ora pro nobis, Tu solatium et refugium Virgo Mater Maria, Quidquid optamus, per Tesperamus; ora, ora pro nobis, Ecce debiles perquam fiebiles ; salva nos, o Maria, Tolle languores, pelle dolores, ora, ora pro nobis, Virgo respice, Mater aspice, audi nos, o Maria, Tn medicinam praebes divinam, ora, ora pro nobis, Tua gaudia et suspiria juvent uos, o Maria, In Te speramus, ad Te clamamus, ora, ora pro nobis.

O Sanctissima.

Allerheiligste, allerteederste, zoete Maagd Maria ! Beminde, vlekkelooze Moeder, bid, o bid voor ons. Gij, o Moedermaagd Maria, onze troost, ouzo toevlucht 1

Al wat wij vveuschen, hopen wij door U; bid, o

bid voor ous. Zie ueêr op ons, die zwak en zeer bedroefd zijn

en help ous, o Maria. Neem weg onze kwalen, verdrijf onze smarten;

bid, o bid voor ous. Zie Maagd op ons neder, aanschouw ons, o Moeder, hoor ous, o Maria. Reik ons een goddelijk geneesmiddel toe, bid, o

bid voor ons. Uw vreugde en verzuchtingen brengen ons verlichting aan, o Maria. Op U hopen wij, tot ü roepen wij : bid, o bid

voor ous, Maria.

35

ocr page 564

546

Reginé

v. Eegina cceli Ifetare,

alleluia.

e. Quia quem meruisti porta re, alleluia.

v. Eesurrexit sicut dixit,

alleluia.

R. Ova pro uobis Deum.

alleluia.

v. Gaude et Isetare Virgo Maria, alleluia,

b. Q nia surrexit Dominus vera, alleluia.

Oremus.

Deus, qui per resur-rectionem Filii tui Do-miui nostri Jesu Christi muudura leetificare digna-tus es, prffista queesumus, ut per ejus Genitricem Virgiuem Jlariam perpe-tuse capiamus gaudia vi-t;e. Per eumdem Cliris-tum Domiuum nostrum. k. Amen.

coeli

v. Koningin des Hemels

verheug U, alleluia, a. Omdat Hij, dien Gij verdiend hebt te baren, alleluia, v, Verrezen Is, gelijk Hij gezegd heeft, alleluia. a. Bid God voor ons,

alleluia.

v. Verblijd en verheug ü, o Maagd Maria, alleluia,

a. Omdat de Heer waarlijk verrezen is. alleluia.

Laat ons bidden.

O God, die TJ gewaar-digd hebt, de wereld door de verrijzenis van uwen Zoon, onzen Heer, Jezus Christus te verblijden, geef, smeeken wij, dat wij door Zijne Moeder, de Maagd Maria, de vreugde van 't eeuwig leven beërven. Door denzelfden Christus, onzen Heer. k. Amen.


ocr page 565

547

Salve Regina.

Salve liegina, Mater misericordife, vita, dulce-flo et spes nostra, salve. Ad te clamamus exules ti-lii Evte. Ad te suspiramus gemeutes et fleutes in hac lacrymarnin valle. Eja ergo, Advocata nostra, illos tnos misericordes ocnlos ad uos converte. Et Jesuni, benedictmn frnctum ventris tui, nobis post lioc exilium ostende.

O clemens! o pia, o dnlcis Virgo Maria!

Wees gegroet, o Koningin, Moeder van barmhartigheid, ons leven, onze zoetheid en onze hoop, wees gegroet. Tot U roepen wij verbannen kinderen van Eva ; tot [T verzuchten wij treurende en weenende in dit dal van tranen. Welaan dan, onze Voorspreekster,wendüwe barmhartige oogeu tot ons, en toon ons na deze ballingschap Jezus, de gezegende vrucht van uwen schoot. O genadige, o meê-doogende. o zoete Maagd Maria!


Sub tuum. Zie bladz. 84.

Dio 's morgens liet Salve en 's avonds liet Sub tuum bidt, 100 dagen aflaat, dagelijks. Zondags 7 jaar en 7 quadrageneu.

Twee Zondagen in de maand, volle all. : gew. voorw. Ook op al de feestdagen der H. Maagd. Volle aflaat in liet uur des doods. Pius vi. 5 April 1786.

Invioiata.

Inviolata, intacta et casta es, Maria!

Quae es effecta fulgida coeli porta!

O mater alma Christi carissima!

Suscipe pia laudum preeconia.

Nostra ut pura pectora sint et corpora,

ocr page 566

548

Te nunc flagitant devota corda et ora. Tua per precata dulcisoua,

Nobis concedas veniam per ssecnla.

O benigna, qnse sola inviolata permansisti! —

Ongerept, vlekkeloos en kuisch zijt Gij Maria! Gij, die de schitterende poort des hemels geworden zijt,

O allerliefste hoogverheven Moeder van Christus, Ontvang onze teedere lofgezangen!

Nederig sraeeken wij U thans met hart en mond. Dat wij zuiver mogen wezen naar ziel en lichaam, Verwerf ons door uw zoetluidende voorbeden Voor altijd vergeving onzer schulden,

O Gij, vol mededoogen, die alleen zonder vlek

[gebleven zijt!

Gezegend zij de heilige en Onbevlekte Ontvangenis der zalige Maagd Maria.

Telkens 100 dagen aflaat. Pius VI. 21 Nov. 1792.

M a g n

Magnificat * anima mea Dominum:

Et exultavit spiritus mens * in Deo salutari meo.

Quia respexit humilita-tem ancillïe supe: * ecce

i f i c a t.

Mijne ziel verheft den Heer:

En mijn geest heeft zich verheugd in God, mijn heil.

Omdat Hij heeft neergezien op de nederigheid


ocr page 567

549

enim ex hoc beatam me diceut oranes generatio-nes.

Quia fecit inihi magna qui potens est, * et sanctum nomen ejus.

Et miscricordia ejus a progenie in progenies, * timentibus cum.

Fecit potentiam in bra-chio suo: * dispersit superbos mente cordis sui.

Deposuit potentes de sede * et exaltavit liu-miles.

Esurientes ivnplevit bonis: * et divites di-misit inanes.

Suscepit Israël puerum suum, * recordatus mise-ricordiae suoe.

Sicut locutus est ad patres nostros, * Abra-zijner dienstmaagd: want ziet: van uu af zullen alle geslachten ^lij zalig noemen.

Omdat Hij, die machtig is, groote dingen . an Mij gedaan heeft, en zijn naam is heilig.

En zijne barmhartigheid duurt van geslacht tot geslacht, voor allen die hem vreezen.

Hij heeft kracht gedaan door zijn arm; hij hoeft de hoogmoedigen verstrooid naar zijn wil.

Hij heeft de machtigen van den troon geworpen, en de nederigen heeft Hij verheven.

Hij heeft dehongerigen met goederen verzadigd, * en de rijken heeft Hij ledig weggezonden.

Hij heeft Israël, zijnen dienaar, aangenomen, gedachtig zijner barmhartigheid.

Gelijk Hij gesproken heeft tot onze raderen:


ocr page 568

550

ham et semiui ejus iu tot Abraliam eu diens ua-siEcula. komelingenin eeuwigheid.

Gloria Patri, etc. Eere zij den Vader, enz.

Aan allen, die eerbiedig dozen lofzang bidden, 100 dagen aflaat eenmaal daags. Leo XIII. 20 Sept. 1879.

Te D e u m.

Te Deum landamus ;; U, o God! loven wij : Te Dominum conlitemur. U, o Heer, belijden wij.

Te internum Patrem * : U , eeuwige Vader , omnis terra veneratur. vereert de geheele aarde.

Tibi omnes Angeli, * , U loven al de engelen, Tibi cceli et universae po- de hemelen en allemach-testates. ten.

Tibi Cherubim et Sera- Tot U roepen zonder phim * iucessabili voce ophouden de Cherubijnen proclamant. en de Serafijnen.

Sanctus, Sanctus, Heilig! Heilig! Heilig Sanctus; Domiuus Deus is de Heer, de God der Sabaoth. Heerscharen.

Pleni sunt cceli et terra Hemel en aarde zijn vol * majestatis glorise tuse. van de Majesteit uwer glorie.

Te gloriosus * Aposto- U looft het heerlijk lorum chorus. koor der Apostelen.

Te Prophetarum * lau- U prijst de loflijke dabilis numerus. schaar der Profeten.

Te Martyrum candita- U roemt het schitterend tatus * laudat exercitus. heir der Martelaren.

Te per orbem terra- LT belijdt de heilige

ocr page 569

551

rum * sancta confitetur Kerk over geheel de

Ecclesia. aarde.

Patrem * immensse ma- Als den ^ ader van on-

jestatis. metelijke heerlijkheid.

Veaerandtim tuum ve- En ook uwen waarach-rum * et unicum Filium. tigen, eenigen, aanbid-denswaardigen Zoon.

Sanctum qnoque * Pa- Ook den Heiligen Geest, raclitum Spiritum. den Vertrooster.

TuRexgloriiB* Christe.. Gij. o Christus, zijt de Koning der eeuwige glorie.

Tu Patris * sempiter- Gij zijt de eeuwige nus es Filius. Zoon des 3 aders.

Tu ad liherandum sus- Gij hebt. om deu mensch cepturus hominem : non te verlossen, deu schoot horruisti virginis uterum. eener Maagd niet geschroomd.

Tu dovicto mortis acu- Gij hebt na den prikkel leo * aperuisti credenti- des doods verwonnen te bus regna ccelorum. hebben, den geloovigeu het rijk der hemelen geopend.

Tu ad dexteram Dei Gij zijt gezeteld aan de sedes *'in gloria Patris. rechterhand van God in de heerlijkheid des Vaders.

Judex crederis * esse Wij gelooven, dat Gij venturus. eenmaal als Pechter zult

komen.

ocr page 570

552

(Hier knielt men).

Te ergo quaesumus, tuis Daarom bidden wij ü, famnlis subveni, * quos kom uwe dienaren terlmlp, pretioso sanguine rede- die Gij door uw dierbaar misti. Bloed liebt vrijgekocht.

sterna fac cum sane- Maak, dat zij allen in tis tuis * in gloria nu- uwe heerlijkheid onder merari. het getal uwer heiligen

worden gerangschikt. Salvum fac populum Heer. maak uw volk tuum, Domine, * et bo- zalig, en zegen uw erfdeel, nedic hsereditati tupe.

Et rege eos et extolle illos usque in aeternum.

En bestier hen, en verhef hen tot in eeuwigheid.


Per singulos dies be-1 Dag aan dag prijzen nedicimus Te. 1 wij Ü.

Et laudamus Nomen En loven uwen Naam tuum in sfeculum * et in 1 in eeuwigheid, en in de speculum sseculi. : eeuwen der eeuwen.

Dignare, Domine, die ; Gewaardig U, o Heer! isto * sine peccato nos! ons dezen 'dag zonder custodire. i zonden te bewaren.

Miserere nostri. Do-1 Ontferm U onzer, o mine * miserere nostri. Heer! ontferm U onzer.

Fiat misericordia tua. Laat uwe barmhartig-Domine, super nos, * heid over ons komen, o quemadmodum speravi-! Heer! zooals wij op ü mus in te. ; gehoopt hebben.

In te, Domine, spera-1 Op U, oHeer! heb ik vi, * non confundar in gehoopt, in eeuwigheid peternum. zal ik niet beschaamd

1 worden.

ocr page 571

553

v. Benedictns es, Domine, Deus patrum nostrorura. r. Et laudabilis et gloriosus in specula, v. Benedicamus Patrem et Filium cum sancto Spiritu.

r. Laudemus. et superexaltemus Eum in ssecula. v. Benedictus es Domine Deus in flrmamento coeli. k. Et laudabilis et gloriosus et superexaltatus in s?ecula.

V. Benedic anima mea Domino.

r. Et noli oblivisci omnes retributiones Ejus.

v. Domine exaudi orationem meam.

r. Et clamor mens ad Te veniat.

v. Dominus vobiscum.

r. Et cum spiritu tuo.

Oremus.

Deus, civjus misericordife non est numerus, et bonitatis infinitus est thesaurus : pissiimse majestati tuae pro collatis donis gratias agimus tuam semper clementiam exorantes; ut qui petentibus postulata concedis, eosdem non deserens ad prsemia futura disponas.

Deus, qui corda fidelium Sancti Spiritus illustrations docuisti, da nobis, in eodem Spiritu recta sapere, et de ejus semper consolatione gaudere.

Deus, qui ueminem. in te sperantem nimium affligi permittis; sed pium precibus pnestas audi-tum : pro postulationibus nostris, votisqne susceptis gratias agimus; Te piissime deprecantes, ut a cunctis semper muniamur adversis. Per Dominum nostrum.

ocr page 572

554

Orcbcdcn veer dc gcloovigc Zielen,

Miserere mei - Deus, *

— secundum magnam -misericordiam tuam.

Et secundum multi-tudinem - miserationum tuarum; * — dele iui-quitatem meam.

Amplius lava me ab iniquitate mea, * et a peccato meo munda ine.

Quoniam - iniquitatem meam - ego cognosco: *

— et peccatum meum -contra me est semper.

Tibi soli peccavi - et malum coram te feci: * — ut justificeris - in sermo-nibus tuis, - et vincas -cum judicaris.

Ontferm U mijner, o God! naar uwe groote barmliartiglieid.

Eu naar de veelheid uwer ontfermingen, wisch mijne boosheid uit.

Wascli mij meer en meer van mijne ongerecli-tiglieid, en reinig mij van mijne zonden.

Want ik ken mijne boosheid, en mijne zonden ziju altijd voor mijne oogen.

Voor U alleen heb ik gezondigd, en kwaad gedaan in uwe tegenwoordigheid; zoodat Gij gerechtvaardigd wordt in


ocr page 573

ooo

uwe woorden, en overwint, als Gij geoordeeld wordt.

Ecce enim -iuiuiqnita- quot;Want zie in ongerecli-tibus conceptus sum : *— tigheid beu ik geboren ; et in peccatis - concepit en in zonden heeft mij me mater mea. mijne moeder ontvangen.

Ecce enim - veritatem Want zie, Gij hebt de dilexisti: * — incerta - et waarheid lief: de verbor-occulta - sapientii® tupe - genheden en geheimen manifestasti mihi. uwer wijsheid hebt Gij

mij geopenbaard.

Asperges rae hyssopo - Bespreng mij inethysop, et numdabor ; * lava- en ik zal gereinigd wor-bis ine - et super nivem den: wasch mij en ik dealbabor. I zal witter worden dan

sneeuw.

Auditui meo - dabis [ Mijn gehoor zult Gij gaudium - et laetitiam: * i blijdschap en vreugde — et exultabunt - ossa | schenken: en de verne-humiliata. derde beenderen zullen

verheugd opspringen.

Averte faciem tuam - Wend uw aangezicht a peccatis meis: * — et j af van mijne zonden, en oinnes iniquitates meas1 delg al mijne misdaden dele. 1 uit.

Cor mundum crea-inj Schep in mij, o God! me. Deus: * — et spiri- een zuiver hart, en vertuin rectum innova - in i nieuw den rechten geest visceribus meis. in mijn binnenste?

Ne projicias me - a fa- Verwerp mij niet van

ocr page 574

556

cie tua: * et spiritnm sanctum tuum - ne aufe-ras a me.

Redde milii Ifctiti-ara - salutaris tui: * — et spiritu principal! con-flrma me.

Docebo iniquos - vias tuas: * — et irapii - ad te convertentur.

Libera me - de sangui-nibus Deus, - Deus salu-tis niei®: * — et exul-tabit lingua mea -justi-tiam tuam.

Domine, - labia mea aperies: * — et os meu;a -annimtiabit laudem tuam.

Quoniam - si voluisses sacrificiam, - dedissem utique : * ■— liolocaus-tis - non delectaberis.

Sacriflcium Deospiritus contribulatus: * — cor contritum - et humi-liatum, - Deus, non des-picies.

Benigne fac Domine, -ju bona voluntate tua, uw aanschijn, en neem uwen heiligen geest niet weg van mij.

Geef mij weer de vreugde uvvs heils, en sterk mij door den koninklijken geest.

Ik zal den boozen uwe wegen leeren, en de god-deloozen zullen zich tot U bekeeren.

Bevrijd mij van de bloedschuld, o God, God mijns heils! en mijne tong zal juichend uwe rechtvaardigheid verkondigen.

Hoer! open mijne lippen, en mijn mond zal uwen lof verkondigen.

Want hadt Gij slachtoffers verlangd, ik zou ze zeker gebracht hebben; in brandoffers hebt Gij geen behagen.

Een bedroefde geest is een slachtoffer voor God: een vermorzeld eu ootmoedig hart zult gij, o God! niet versmaden.

Heer! handel in uwe goedheid genadig met Si-


ocr page 575

55/

Sion, — xit fediflcentur - i ou, opdat Jerusalem's mu-muri Jerusalem. ! ren worden opgebouwd.

Tuncacceptabis-sacri- Dan zult gij offers van ficiumjustitiBB-oblationes gerechtigheid, spijs- eu et holocausta; * — tunc brandoffers aannemen : iaiponent - super altare dan zal men kalveren tuura vitulos. leggen op uwe altaren.

Eequiem seternam * — Heer, geef hun de dona eis, Domine. eeuwige rust.

Et lux perpetna — lu- En dat het eeuwige ceat eis. licht lum bescliijne.

jesu Saivator.

Jesu Saivator mundi, exaudi preces supplicum.

Miseremini mei, miseremini mei, saltem vos amici mei, quia manus Domini tetigit me.

Pelli ineïe, consumptis carnibus, adhcesit os meum.

Miseremini, etc.

Quare persequiinini me sicut Deus et carnibus ineis saturamini.

Miseremini, etc.

Eequiem teternam dona eis Domine, et lux perpetna luceat eis.

Miseremini, etc.

ocr page 576

558

De Profundis.

De profundis - clamavi ad te, Domine; *— Domi-ne exaudi vocem raeam.

Fiant aures tuse - iuteii-dentes, * —in vocem - de-pniecatioiiis mese.

Si iniquitates - obsei-va-veris, Domine, * — Domine, - quis sustinebit ?

Quia apnd te - propitia-tio est *, — et propter legem tuam • sustinui te. Domine.

Sustinnit anima mea -in verbo ejus: * —- spera-vit - anima mea in Domino.

A custodia matntina -usque ad noctem, — spe-ret Israël in Domino.

Quia apud Dominum -raisericordia,=;: — et copi-osa - apud eum redemp-tio.

Et ipse redimet Israël, * — ex omnibus -iniquitatibus ejus.

Uit de diepten lieb ik tot IT geroej. en; Heer ! Heer, hoor naar mijne stem.

Laat uwe ooren luisteren naar de stem mijns gebeds.

Indien Gij, o Heer, de ongerechtigheden gadeslaat, Heer, wie zal 't bestaan ?

Omdat er bij U ontferming is, en om uwe wet heb ik U, o Heer, afgewacht.

Mijne ziel heeft op zijn woord gewacht; mijne ziel heeft op deu Heer gehoopt.

Dat Israël op den Heer hope, van den morgenstond tot den nacht.

Want bij den Heer is barmhartigheid, en bij Hem is overvloedige verlossing.

En Hij zal Israël verlossen van al zijne ongerechtigheden.


ocr page 577

5 5 9

Requiem aeternam *— dona eis, Domiue.

Et lux perpetua — lu-ceat eis.

Pater noster, etc., v. Et no nos inducas in

teutationem.

b. Sed libera nos a nialo

v. A porta inferi.

e, Erne, Domine, — ani-mas eorum, (animam ejus.)

v. Requiescant (cat) in

pace.

n. Amen.

v. Domine, exaudi ora-

tiouem meam. e. Et clamor mens — ad

te veniat,

v. Dominus vobiscum. e. Et cum spiritu tuo.

Oremus.

Absolve, quaesumus Domine, animam famuli tui (famulse tuae) N., ut defunct us (ta) sreculo Tibi vivat: et quse per fragi-litatem carnis hninana

Heer ! geef linn de eeuwige rust, en liet eeuwige licht bescliijne lien.

Onze Vader, enz. v. En leid ons niet in

bekoring.

a. Haar verlos ons van

den kwade.

v. Van de poort des af-

gronds.

a. Verlos Heer ! hunne zielen (hare ziel).

. v. Dat zij in vrederusten

(te).

a. Amen.

v. Heer verhoor mijn gebed.

a. En mijn geroep kome

tot U.

v, De Heer zij met ü. a. En met uwen geest.

Laat «üs bidden.

Verlos, bidden wij U, o Heer, die ziel van uwen dienaar (uwe dienares) N! van alle banden der zonde, opdat hij, (zij) na verscheiden te zijn van


ocr page 578

5G0

conversatione commisit, deze wereld, voor U leve: Tu veuia misericordissi- eu alle gebreken, welkeMj iiite pietatis absterge. (zij) gedurende dit leveu ; door de zwakheid van het vleesch bedreven heeft, worden uitgewisclit dooide vergeving uwer aller-barmhartigste liefde. Deus, veuite largitor, O God, die den zonet humanse salutis auc- daar vergeving schenkt, tor, qusesumus clemen- ■ en de zaligheid der men-tiam tuam, ut nostrse | schen bemint, wij smee-Congregationis fratres , keu uwe goedertierenheid, sorores , familiares et dat Gij de broeders, zus-benefactores, qui ex hoe ters, naastbestaanden en sseculo transierunt, Be- weldoeners van ouze cou-ata Maria semper Virgine gregatie, die uit deze intercedente, cum omni- wereld gescheiden zijn, bus Sanctis tuis, ad perpe- door de voorspraak van tiue beatitudinis consor- de H. Maagd Maria, en tium pervenire concedas. van alle Heiligen, tot de Fidelium. Deus omni- deelneming der eeuwige um Conditor et Eedemp- zaligheid laat geraken, tor, animabus famulo- God, Schepper en Verrum, famularumque tua- losser aller geloovigen, rum remissionem cuncto- verleen aan de zielen van rum tribue peccatorum, uwe dienaren en diena-ut indulgentiam, quam resseu de vergiffenis van semper optaverunt, piis al hunue zonden, opdat supplicationibus conse- zij de kwijtschelding, quantnr. Qui vivis et reg-, waar zij steeds naar ver-

ocr page 579

561

nas in ssecula sseculorum.1 langden, door ootmoedige k. Amen. : smeekingen mogen ver-

i werven. Die leeft en heersclit iu de eeuwigheid der eeuwigheden. b. Amen.

v. Heer, geef hun (haar)

de eeuwige rust. a. En liet eeuwige licht beschijne hun (haar), v. Dat zij rusten (ruste)

in vrede.

r. Amen.

Die dezen psalm met liet gebed, God, Schepper en Verlosser, enz., een uur na zonsondergang bidden, verdienen 100 dagen aflaat elke keer; en een vollen aflaat eenmaal in 't jaar, indien zij dien psalm etc. dagelijks bidden: onder de gewone voorwaarden. Clemens XIT, 14 Aug. 1786.

Die dezen psalm niet kennen, voldoen met eenmaal het Onze Vader en Wees gegroet, en het vers; Heer, geef hun de eeuwige rust, en het eeuwige licht verlichte hen.

Pius VI, 18 Maart 1781.

v. Requiem seternam do-

na eis, (ei) Domine. k. Et lux perpetua luceat

eis. (ei.) v. Eeqniescant (cat) in

pace.

e. Amen.

ocr page 580

562

Formula Benedictionis pro Tertiariis Post Absolutionem.

Dominns uoster Jesus Christus, qui beato Petro Apostolo dedit potestatem ligandi atque solvendi, ille vos (te) absolvat ab omni vinculo delictorum, ut liabeatis (as) vitam aeteruam et vivatis (vas) in saecula saeculorum. Amen.

Pe sacratissimam Passionem et Mortem Domini Xostri Jesu Christi, precibus et meritis Beatis-simae se» per Virginis Mariae, Beatonim Apos-tolorum Petri et Panli, Beati Patris nostri Domiuici et omnium Sanctorum, auctoritate a Summis Pon-titicibus mihi commissa, plenariam indulgentiam omnium peccatorum vestrorum (tuorum) vobis (tibi) impertior. In nomine Patris f et Filii et Spiritus Sancti. Amen.

Deze Gen: Abs: (waaraan een volle allaat verleend is) kan in de Vergadering of aan elk in 't byzonder in den biechtstoel gegeven worden op Kerstmis, Vaselien, Pinksteren, H. Sacramentsdag, Feestdag van t H. Hart, Onbevlekte Ontvangenis, Maria Lichtmis, Maria Hemelvaart, 't feest van St. Jozef', van den H. Dominions en van de H. Catharina van Senen.

Deze aflaat is toepasselyk op do Geloovige Zielen. (Gewone voorwaarden).

Benedictio Vestimentorum Fratrum et Sororum,

v. Adjutorium nostrum, etc.

h. Qui fecit, etc.

v. Dominus vobiscum.

r. Et cum spiritu tno.

ocr page 581

563

Oremus.

Domine Jesu Christe, qui tegimen nostrae raor-talitatis induere diguatus es; obsecramus immen-sae largitatis tnae abundautiam. ut hoe genus vestimentorum, quod saneti Patres ad iimocentiae et huinilitatis indicium ferro sanxerunt, ita bene Y dieere digneris, ut, qui hoc usus fuerit, Te induere mereatur, Christum Dominum nostrum. Amen.

(Aspergantur aqua heneclicta.)

Benedictio Cinguii S. Thomae Aquin:

(ad servandam castitatem.)

v. Adiutorium nostrum, etc.

b. Qui fecit, etc.

v. Dominus vobiscum.

E. Et cum spiritu tuo.

Oremus.

Domine Jesu Christe, Fili Dei vivi. puritatis amator et custos, obsecramus immensam clemen-tiam tnam, ut sicut ministerio Angelornm, Sanctum Thomain Aquinatem cingulo castitatis cingere, et a labe corporis ac animae praeservare fecisti, ita ad honorem et gloriam ejus bene f dicere et saneti f ticare digneris cingula ista; ut quicum-que ipsa circa renes reverenter portaverit ac tenuerit, ab omni immunditia mentis et corporis purificetur, atqne in exitu suo per inanus sanctorum Angelornm Tibi digne prsesentari mereatur. Qui cum Patre et Spiritu Sancto vivis et regnas in specula sfeculornm. Amen.

(Aspergantur aqua heneclicta.)

ocr page 582

56i

Geloofd zij God.

Geloofd zij Gods heilige Naam.

Geloofd zij Jezus Christus, waarlijk God en waarlijk

[Mensch,

Geloofd zij Jezus' Naam.

Geloofd zij Jezus Christus in het Allerheiligst

Altaar-Sacrament. Geloofd zij de hoogverheven Moeder Gods, de

[allerheiligste Maagd Maria. Geloofd zij hare heilige en Onbevlekte Ontvangenis. Geloofd zij de naam van de Moedermaagd Maria. Geloofd zij God in ziju Heiligen en Engelen.

Eiken keor één jaar aflaat. Pins Vir, 23 Juli 1801.

Volle aflaat, ééns in de maand, als men dagelijks dezen lofzang bidt, onder gewone voorwaarden.

Pius IX, 8 Aug. 1847.

A. M. D. G.

ocr page 583

i

ocr page 584
ocr page 585
ocr page 586