ocr page 1
ocr page 2
ocr page 3

IHBTIUOTIB

VOOR HET

College van Regenten

Art. 1.

De vergaderingen van het College worden gehouden te Assen of te Veenhuizen.

De leden worden tot het bijwonen dier vergaderingen door den voorzitter opgeroepen.

Die oproeping geschiedt zooveel mogelijk minstens tweemaal 24 uren te voren.

Art. 2.

De besluiten der vergadering worden genomen met meerderheid van stemmen. Indien de stemmen staken, beslist de stem van den voorzitter.

In geval van benoeming of aanbeveling van personen wordt met gesloten briefjes gestemd. Indien bij eerste stemming geene volstrekte meerderheid is verkregen, wordt eene herstemming gehouden

ocr page 4

3

over de personen, die de meeste stemmen verkregen. Wijst de herstemming uit, dat ieder een gelijk aantal stemmen verkreeg, dan beslist het lot.

Art. 3.

De voorzitter ontvangt en opent alle stukken, welke aan het College zijn gericht, handelt daarmede zooals tot eene spoedige en geregelde afdoening het meest bevorderlijk is en brengt ze in de eerstvolgende vergadering ter tafel.

Art. 4.

De resumtie van alle brieven en besluiten, welke van het College uitgaan, is aan den voorzitter met den secretaris opgedragen, behalve in die gevallen, waarin de vergadering zich die resumtie mocht hebben voorbehouden.

Art. 5.

De secretaris, tevens thesaurier, is verplicht aan-teekening te houden van al wat er in de vergaderingen wordt verhandeld, en is belast met de redactie en expeditie der stukken en met de bewaring van het archief.

Hij is verplicht aan te houden:

1°. een register, waarin alle inkomende stukken naar volgorde van ontvangst summierlijk worden ingeschreven.

2°. een register, waarin de notulen van het verhandelde in de vergaderingen in het net worden ingeschreven. Dit register moet zijn bijgewerkt en worden afgeteekend in iedere vergadering, volgende op die, waarin de notulen zijn gearresteerd.

ocr page 5

S3. een register van uitgaande brieven en stukken.

Als thesaurier voert hij het beheer over de gelden, welke aan het College als abonnement worden verstrekt — en doet na ommekomst van ieder jaar, in de maand April of Mei, rekening en verantwoording van dat beheer aan het College.

Art. 6.

Minstens driemaal in het jaar — en wel op ongezette tijden — zullen twee leden , door de vergadering aan te wijzen zooveel mogelijk volgens een vooraf opgemaakten rooster, als commissarissen zich begeven naar de onder het toezicht van het College staande werkinrichtingen en zich daar overtuigen of het beheer naar behooren wordt gevoerd en of er ook misbruiken zijn waar te nemeu.

Bovendien zullen minstens tweemaal in het jaar twee commissiën, elk bestaande uit twee of drie leden van het College, door de vergadering te benoemen, worden gecommitteerd, om meer in het bijzonder na te gaan, de eene commissie , al wat tot liet landbouwbedrijf en de boscheiütuur en de andere commissie, al wat tot het fabriekswezen in de werkinrichtingen behoort of daarmede in betrekking staat.

Deze commissiën zullen zich, zoo door eigen bezichtiging en het hooren van personen, als door inzage van boeken, registers en papieren en andere gepaste middelen, op de hoogte van den toestand trachten te stellen.

Zij doen van hunne bevinding telkens verslag in de eerstvolgende vergadering.

ocr page 6

Art. 7.

Indien de commissiën, in het vorig artikel bedoeld, bij hun onderzoek misbruiken of tekortkomingen mochten ontdekken die spoedige voorziening wenschelijk maken, geven zij hiervan dadelijk kennis aan den voorzitter.

Aldus vastgesteld in de vergadering van 27 Juli 1887.

Ret College van Regenten voornoemd, Mr. C. PIJNACKER HORDIJK, voorzitter. Mr. J. TONCKENS, secretaris.

ocr page 7
ocr page 8