ocr page 1
ocr page 2

f

ocr page 3

KM** JUL VJ 9 m

h

*

BI2Lti*EBMle

,gt;• * is

ocr page 4
ocr page 5

5quot;

MATER DOLOROSA

* of

de ^ieuwe Maand februari

TOEGEWIJD

aan O. L. Vrouw der Zeven Smarten. VERHANDEIMES, VERHALEN EN VOORBEELDEN

voor eiken dag der maand,

met de 11. Mis en verscheidene Gebeden door

M. P. A. OOMS, R.-K Pr. en Rector van „Db Heibloemquot;.

Vergeet de zuchten uwer Moeder niet I * Ecoli VII: 25),

G. BORG, ✓

AMSTERDAM if PATERS

1899- }' MiNiERBROEDER V Mfliwr Kil-OOBP

ocr page 6

f

/

ocr page 7

^AN JMARIA,

onze Lieve Vrotnv der Zeven Weeën, de Moeder van Smarten en de Koningin der Martelaren,

die mijn oog heeft verlicht en mijne hand heeft geleid, wordt dit

üEYOTIKBOKKvJE:

eerbiedig en dankbaar

OPGEDRAGEN DOOR HEM,

die hoopt te zijn ;

een geringe dienaar van de Dienstiiiaagd des Heeren.

MARINUS OOMS.

ocr page 8

Quae in hoc opusculo facta Beatorum sunt dispersa, exigenda sunt ad Const. Urbani. P. VIII, Coelest. Hier. edit. 5 Julii 1634.

ocr page 9

INLEIDING.

De devotie tot do Zeven Smarten onzer nooit-volprezene Moeder Maria heeft in de Kerk de lioog'ste sanctie verworven. Tweemaal toch in het jaar wordt de gedachtenis van O L Vrouw der Zeven Weeën in do H. Mis en in de Getijden gevierd, op den Vrijdag na Passie-Zondagen op den derden Zondag van September. Het Kozenhoedje der Zeven Smarten, de Stabat Mater, een uur overweging van Maria's lijden en andere devoties van dien aard werden door do Pausen met vele Aflaten veirijkt. Maria zelve heeft geopenbaard hoe hoogst aangenaam Haar deze vereering was, wanneer Zij aan zeven edellieden van Florence de opdracht deed een nieuwe Orde te stichten, welke zich voortdurend zoude bezig houden met de overweging harer Smarten. Ook verklaarde de Zaligmaker aan de Gelukzalige Veronica de Binasco, dat de tranen geschreid over de Smarten Zijner

ocr page 10

8

Mooder, Hem aangenamer waren dan die, welke g'estort werden over Zijn eigen Lijden. Boven dien heeft onze gezegende Verlosser, op de smeeking van den beminden Leerling Joannes, die Maria, na hare Hemelvaart, nog eenmaal verlangde te zien, geheel bijzondere gunsten toegestaan aan hen. welke met oprechte godsvrucht de smarten Zijner Moeder overwegen. Hierom verklaart Cartagena: „Het zekerste teeken zijner uitverkiezing vindt de mensch in het medelijden met de bedrukte Moeder; want wij hebben van onze voorvaderen geleerd, dat de Christus aan de H. Maagd elke geestelijke gunst heeft toegestaan en vooral de genade van een oprecht berouw in het uur van sterven voor allen, die de Smarten Zijner Moeder zouden overwegenquot;. Hoogst voordeelig alzoo is do meditatie over het lijden der allerzaligste Maagd en Moeder Gods Maria. Hiermede vervullen wij tevens een plicht van kinderlijke dankbaarheid jegens onze Moeder, die ons onder het Kruis van haren Zoon met zooveel smarten gebaard heeft, en beantwoorden wij mede aan de vermaning van den Wijzen Man: „Vergeet de zuchten uwer Moeder niet1'. Bovendien vinden wij in de lijdensgeschiedenis onzer Moeder een volmaakt toonbeeld, hoe wij ons in de beproevingen en kwellingen des levens moeten gedragen. Daarom aarzel ik niet alle kinderen van Maria toe te roepen : „In alle omstandig-

ocr page 11

INLEIDING.

heden, in leven, lijden en sterven, ziet op naaide Moeder van Smarten, en doet volgens het voorbeeld, dat Zij n heeft nagelaten quot;

Dn Schrijver.

IIEIJTIIULTSBN,

I Januari, 1899.

9

ocr page 12

1

EERSTE FEBRUARI.

Ebk.ste Smart.

Eerste Verhandeling. Het Iiam Gods geslachtofferd van den beginne der wereld af.

Onze goddelijke Zfiligmakei- en nanbiddelijke Verlosser, de Zoon van den hemelschen Vader, do ongeschapene Wijsheid', het Licht uit Licht, kende van alle eeuwigheid Zijn Kruis en lijden. Jezus was zich bewust, dat Ilij het Lam was, hetwelk van de grondlegging der wereld af geslachtofferd moest worden. Toen de afvallige engelen, die weigerden het eeuwig Woord des Vaders in zijne gezegende Menschheid te aanbidden, het eerste nienschenpaar in hun ver- ^ zet hadden medegesleept, bood de Eeniggeborene des Vaders zich aan als slacht en zoenoffer. Eer echter de heilige Voorlooper des Heeren ,.het Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemtquot;nze goddelijke Zfiligmakei- en nanbiddelijke Verlosser, de Zoon van den hemelschen Vader, do ongeschapene Wijsheid', het Licht uit Licht, kende van alle eeuwigheid Zijn Kruis en lijden. Jezus was zich bewust, dat Ilij het Lam was, hetwelk van de grondlegging der wereld af geslachtofferd moest worden. Toen de afvallige engelen, die weigerden het eeuwig Woord des Vaders in zijne gezegende Menschheid te aanbidden, het eerste nienschenpaar in hun ver- ^ zet hadden medegesleept, bood de Eeniggeborene des Vaders zich aan als slacht en zoenoffer. Eer echter de heilige Voorlooper des Heeren ,.het Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemtquot;

zoude aanwijzen, moesten er vier duizend jaren verloopen. Toch werd de menschheid op hot

ocr page 13

EERSTE SMART.

groote offer van Calvarië voorbereid. Menigmaal ontsluierde God de toekomst. Of) velerhande wijzen werd de komst van den „Rechtvaardigequot; aangekondigd.

De groote gebeurtenissen der geschiedenis wijzen op Christus en Zijn Kruis. Op de golven van het zondvloedwater dreef de ark des behouds: en van het Kruis zingt de kerk: „Gij alleen, o H. Kruis, zijt waardig bevonden het Slachtoffer der menschen te dragen Gij waart de ark dei-wereld, en Gij voerdet haar na de schipbreuk tot de haven des heilsquot;.

Waarom schrikte de verderf-Engel van Egypte terug voor liet bloed des lams, waarmede de deurstijlen bestreken waren ? Omdat hij, zoo antwoordt de H. Joannes Chrysostomus, daarin zag liet Bloed van het Goddelijk Offerlam, dat na vele eeuwen op Siou zoude vergoten worden.

Wat genezende kracht kon de koperen slang aanbrengen voor degenen, die door giftige slangen waren gebeten ? Moest de Zoon des menschen niet aldus opgeheven worden, gelijk Mozes in de woestijn de slang oprichtte, opdat elke mensch die in Hem gelooft niet verloren ga, maar het eeuwig leven hebbe.

Al de Heiligen van het Oude verbond waren als dienstknechten niet beter dan hun toekomstige Meester. Ook zij moesten door het vuur der beproeving tot de zegepraal geraken.

Wie toch is die Isaiik, die daar, met het of-

11

ocr page 14

12

ferhont beladen, tusschen twee dienaars opgaat naar den berg Moria, om door zijn eigen vader Abraham gedood te worden ?

Wien erken ik ginds in Jozef van Egypte, verzuchtende in den kerker tusschen den opperste der schenkers en den opperste der bakkers ?

Welk ander tooneel rijst voor mijne oogen op, als ik Mozes op den heuveltop Raphidim, met uitgestrekte armen, rechts en links ondersteund door Aaron en Uur, de zegepraal over de Amalekieten zie afsmeeken ? Van zelf daagt dan voor mijne blikken de Zoon van den levenden God, die door Zijnen hemelschen Vader ter dood geëischt, onder de boosdoeners gerekend, de zegepraal over dood en hel behaalt op Golgotha's kruin.

Ook het Ceremonieel der Oude Wet moest het Slachtoffer van Calvarië vooraf beelden. De geleerden der synagoog moesten reeds vooruit ingeleid worden in de leerschool van Christus. Waarom toch strekte de hoogepriester, alvorens het zoenoffer op te dragen, onder de belijdenis van de zonden des volks, zijne handen uit over het hoofd van het slachtoffer, om er de geheole schuld op over te dragen, daar immers het bloed van bokken en runderen de zonde der werel;' niet kon uitwisschen ? Werd niet in werkelijkheid alle ongerechtigheid geladen op het hoofd van het Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld ?

ocr page 15

EERSTE SMART.

Vanwaar ontleende Davids offer op den dorsch-vloer van Oman zijne verzoenende kracht, om de driedaagsche pest, de straf zijner ongegronde volkstelling, te laten ophouden ?

Hoe kon het offer van Judas den Machabeër, den Heer in Jeruzalems tempel opdragen, de zonden der gesneuvelde soldaten wegnemen en de vlammen des Vagevuurs blusschen ?

Had God niet de. zonden van zijn volk overgedragen op het Onbevlekte Lam'?

De Profeten eindelijk leverden een afgewerkt tafereel van 's Heeren toekomstigen kruisdood.

Op wien immers doelt koning- David in zijn 21sten Psalm. „Mijn God, mijn God! waarom hebt Gij mij verlaten ! — Ik ben de schande der mensehen, de verachting des volks Een raad van booswichten heeft mij omsingeld. Allen die mij zien bespotten mij en schudden met hun hoofd (terwijl zij zeggen): „Hij heeft op den Heer vertrouwd ; dat Die Hem redde! Hem verlosse, daar Hij in Hem behagen heeft!quot; --„Al mijne beenderen zijn vaneengerukt; mijne tong kleeft vast aan mijne keel. Zij hebben mijne handen en mijne voeten doorboord; zij hebben al mijne beenderen geteld; zij hebben mijne kleederen onder zich verdeeld en over mijn opperkleed het lot geworpen.'' Wien ook geldt deze profetie van Isaïas: „Wij zien Hem, den Man van smarten. In waarheid! Hij draagt

13

ocr page 16

MATER DOLOROSA.

onze kwalen, Hij torst onze smarten, om onze ongerechtigheid is Hij verwond, om onze misdaden is Hij verbrijzeld; de kastijding, die ons vrede brengt, is op Hein, en door Zijne striemen worden wij genezen. Hij werd geotterd omdat Hij zelf het wilde; als een lam werd Hij ter slachting geleid ; als een schaap, dat zwijgt voor dengene, die het scheert, zoo deed Hij Zijnen mond niet open. Om de zonden van Mijn volk heb ik Hem verslagen''.

Van wien eindelijk heeft de profeet Zacharias gesproken, als hij schrijft: „Dit zegt de Heer: Ik zal over het huis van David en over de inwoners van Jeruzalem een geest van genade en gebed uitstorten: en zij zullen opzien tot Mij, Dien zij doorstoken hebbenquot;.

Maria, de. Moeder van Jezus, kende die gewichtige gebeurtenissen van het voorgeslacht; de beproevingen der Oud-Vaders stonden Haar levendig voor den geest; Zij was vertrouwd met het ceremonieel der Oude Wet en ervaren in de voorspellingen der Profeten. Na de blijde boodschap van den engel Gabriël wist Zij tevens, dat Zij zelve do door Isaias voorspelde Maagd was, die. ontvangen en een Zoon zoude baren. Wiens naam Emmanuël genoemd moest worden. Maar de Moeder Gods zou te gelijk ook de Moeder zijn van den Man van smarten, Die weet wat lijden is. Hare toestemming: Mij geschiede naar Uw woord: heeft Haar het blijde

14

ocr page 17

EERSTE SMAKT. 15

;e Magnificat ontlokt, maar het lied der glorie

s- kwam over de lippen eener Mater dolorosa. De

is Koningin van hemel en aarde was evenzeer de

n Koningin der Martelaren, niet door het zwaard

it van den scherprechter, maar door de felle smart

;r van haar teederminnend moederhart. Daarom

)r spreekt de Abt Ruportus Maria aldus toe : „Gij,

m o Moeder, bekend met het toekomstig lijden van

k uwen Zoon, hebt een levenslang martelaarschap ondergaanquot;.

ls Met meer recht dan David kon de Moeder

r: des Heeren verzuchten: „Mijne smart staat altijd voor mijnen geestquot;. Maar de liefde van

ie, Maria overtrof haar lijden. Hoe meer Zij leed, ot j des te vuriger beminde Zij. Ieder oogenblik ontwaarde Zij de smart, die het lijden van Jezns

ie haar zoude veroorzaken ; maar ieder oogenblik

t; ook stemde Zij daarin toe; altijd onderworpen,

ir vast als de rots, waartegen de golven zich bre-

■d ken, bleef Zij onwankelbaar aan God getrouw

m en geheel overgegeven aan Zijne bestiering en

ie beschikking. Gansch haar leven door herhaalde

;S; Zij : „Zie de dienstmaagd des Heerenquot;, totdat

• d haar goddelijk Kind Haar kroonde in eer en

n, glorie met de kroon der Martelaren. Laten wij

n. in ons leven innig medelijden hebben met de

}e Moeder der Smarten, en in ons lijden, harer

ie droefheid indachtig, alles gelaten en geduldig

e- verdragen. Als wij deelen in het lijden zullen

le wij ook deelen in het verblijden.

ocr page 18

16 mater dolorosa.

Oefening van deugd. Onderwerping' aan den heilig-en wil Gods. D

Schietgebed. O Maria, Koningin der Martela- Brij ren, verwerf mij eene teedere devotie voor uwe ken Smarten. Amen. hij

de

Voorbeeld. * en

w.ie

Zeker edelman had zieii aan den duivel verkocht. Zestig' jaren was hij de slaaf van Satan.

Daar sloeg' voor hem het uur van sterven. God, Wien het eigen is te sparen on te vergeven, Wiens wezen barmhartigheid is, zond tot den ongelukkige den biechtvader van de H. Brig'itta. Deze spoorde hem aan tot berouw en boete. Maar de verharde zondaar wees hem af; „hij had,quot; zeide hij,,, vroeger genoeg gebiechtquot;. De ijverige priester herhaalde zijn bezoek, maar andermaal ondervond hij verzet en weigering'. De Zaligmaker openbaarde nu aan de H. Bri-gitta Zijn verlangen, dat haar biechtvader er nogmaals heen moest gaan. De biechtvader ging en openbaarde den stervende het visioen van de Heilige. Hierover was de rampzalige zichtbaar getroffen, en hij begon te weenen. Als de priester hem nu moed en vertrouwen op de goddelijke barmhartigheid insprak, biechtte hij rouwmoedig, ontving' den volgenden dag de H. Teerspijs en stierf na zes dagen den dood der rechtvaardigen.

ocr page 19

BBRSTE SMART.

17

De Zaligmaker openbaarde later aan de H. Brigitta dat deze zonder zijne zaligheid te danken had aan de voorspraak van Maria, omdat hij te midden van zijn ongebonden leven steeds de godsvrucht tot haro Smarten bewaard had, en met Haar van medelijden vervuld was ge-w.'-est.

ocr page 20

TWEEDE FEBRUARI.

Eerste Smart.

Tweede Verhandeling. „Zie Deze is gesteld ten val en tot opstanding van velen in Israëlquot;.

Ter herinnering van de bevrijding uit Egypte moesten do Joden hunne eerstgeborenen door slachtoffers loskoopen en den Hoer toe-heiligen. Dit nieuw gebod werd afgekondigd, toen de Israëlieten hunne deurstijlen met het bloed van het geslachte paasehlam bestreken, waardoor hunne kinderen en kudden voor den verderf-Engel gespaard bleven. Hierin lag tevens eene voorafbeelding der toekomstige bevrijding uit de slavernij, welke voltrokken zoude worden wanneer het zoenhout des Kruises zwaar geverfd werd door het Bloed van het goddelijk Offerlam Jezus Christus. Ook was die loskcoping eene erkenning der goddelijke Op permacht en eene huldiging Harer vrijgevige milddadigheid. „Heilig Mij toe eiken oerstge-er herinnering van de bevrijding uit Egypte moesten do Joden hunne eerstgeborenen door slachtoffers loskoopen en den Hoer toe-heiligen. Dit nieuw gebod werd afgekondigd, toen de Israëlieten hunne deurstijlen met het bloed van het geslachte paasehlam bestreken, waardoor hunne kinderen en kudden voor den verderf-Engel gespaard bleven. Hierin lag tevens eene voorafbeelding der toekomstige bevrijding uit de slavernij, welke voltrokken zoude worden wanneer het zoenhout des Kruises zwaar geverfd werd door het Bloed van het goddelijk Offerlam Jezus Christus. Ook was die loskcoping eene erkenning der goddelijke Op permacht en eene huldiging Harer vrijgevige milddadigheid. „Heilig Mij toe eiken oerstge-

ocr page 21

EERSTE SMART.

borene zoowel van de menschen als van de kuddenquot;.

Veertig dagen waren er sedert denkersnacht verstreken. Jozef en Maria maakten zich gereed om het gebod der Mozaïsche wet te volbrengen. De benoodigdheden voor de reis waren spoediquot;-bijeenverzameld. Het Heilig Drietal kende geene behoeften Schatten werden in de gezegende Grot niet gevonden. Het goud der Heilige Koningen was reeds lang overgegaan in de handen der armen. Jozef en Maria wierpen nog een laatsten blik op den nederigen stal, waarin zoo grootsche geheimen geschied waren De weg van Bethlehem naar Jeruzalem is niet bijzonder lang De moeder en de Voedstervader droegen beurtelings hot goddelijk Kind. Maar dat juk was zoo zoet, die last zoo licht. De gehoorzaamheid kent geene hinderpalen, en de liefde overwint alles. Zij zijn de stad des vredes genaderd, maar deze erkende niet, wat haar tot vrede strekte, zij wilde den Vorst des vredes niet aannemen Gekomen voor de poort van Nicanor, aan den ingang van het priestervoorhof, bij het offeraltaar, betaalden de heilige Ouders de vijf sikkels; en overhandigde Maria hare duiven aan den priester.

Onder degenen, die het heil van Israël verwachtten, lag daar in den tempel een heilige grijsaard geknield, Simeon genaamd. De H. Geest had hem naar don tempel geleid op het

19

ocr page 22

MATER DOLOROSA.

oogenblik, dat Jezus werd opgedragen. Waaide ouderdom gewoon is te klagen en den moed te verliezen, leefde in hem de hoop en het vertrouwen der jeugdige zielen. Zijn ievendig geloof verzekerde hem, dat het uur van Israels verlossing aanstaande was, en liij niet sterven zoude zonder den Gezalfde des Heeren gezien te hebben.

Eene ingeving des hemels openbaarde hem, dat dit nederig-e Wicht, door die arme Moeder opgedragen, de Verlosser der wereld was. Verrukt nam hij het Kind in zijne armen en sprak in profetische vervoering: „Nu laat gij. Heer, Uw dienaar volgens Uw Woord in vrede gaan omdat mijne oogen Uw iieil hebben aanschouwd, dat Gij bereid hebt voor het aanschijn van alle volkeren; het Licht ter verlichting der heidenen, en de glorie van Uw volk van Israëlquot;. Wel een uitroep van een rechtgel', gt;ovig gemoed, dat zijn onwankelbaar vertrouwen met den gewenschten uitslag bekroond ziet. Zijn Vader en Zijne Moeder waren verwonderd over hetgeen aangaande Hem gezegd word en omdat de H. Geest do komst des Verlossers ook aan andoren geopenbaard had. Simenn zegende Hen, en, zich tot Maria wendend, zeide hij : „Dit kind is gesteld ten val en ter opstanding- van velen in Israël, en tot een teeken van tegenspraak, -- een zwaard zal uw moederhart doorboren — opdat uit veler harten de gedachten geopenbaard wordenquot;.

20

ocr page 23

EERSTE SMART.

„Deze is gesteld ten val van velen in Israëlquot;.

Was de Heiland dan niet gekomen om allen te zoeken, die verdwaald waren, om allen te redden en zalig te maken'?

Was de Zaligmaker niet verschenen, om de smeulende vonk des geloof's iian te wakkeren en het geknakte riet overeind te helpen'?

Was Hij niet de barmhartige Samaritaan, de Goddelijke geneesheer, die olie en balsem heeft voor alle onze kwalen ?

Zoude Hij niet optreden onder de Zijnen als de goede Herder, die de negen en negentig schapen in de woestijn achterlaat, om het honderdste, dat verdwaald is, langs heg en struik, over berg en dal, op te sporen, totdat Hij het op Zijne schouders neemt en verheugd in den schaapstal terugbrengt ?

Zullen wij Hem niet begroeten als der tee-derhartigsten vader, die zijn verloren zoon niet uit het geheugen verliest, maar vurig naar diens terugkomst verlangt, en eiken avond den heuveltop bestijgt, en daar op den uitkijk staat, en in de vlakte tuurt, of zijn kind, eindelijk tot inkeer gekomen, niet in zijne armen snelt, om het met de teederste vaderzorgen te omringen ?

Beminde de Verlosser ons allen niet met meer dan moederlijke liefde ? Al zou eene moeder haar kind kunnen vergeten. Hij zoude ons nooit vergeten.

21

ocr page 24

MATER DOLOROSA.

Zou hij eindelijk niet voor allen geslachtofferd worden op Golgotha's kruin, en voor allen Zijn bloed en leven geven ?

Hoe derhalve kan Hij gesteld zijn ten val van velen in Israël ?

Er zou slechts vrede zijn voor de menschen van goeden wille ; alleen aan hen, die Hem aannamen, zou Hij macht geven kinderen Gods te worden.

Over velen zou haar Goddelijk Kind klagen; Maria wist zulks: „Welk heil is er in Mijn Bloed, dat voor zoovelen vruchteloos vergoten wordtquot; ? Tot val en ondergang zou de Heer zijn voor allen, die Hem in hun hardnekkig ongeloof bleven ver werpen. Allereerst voor velen in Israël. De Joden verwachtten dwaselijk een Messias, Wiens koninkrijk van deze wereld zijn zoude, Die naar het voorbeeld van Zijne roemruchtige voorvaderen, David en Salomon, het rijk van Israël in eer en glorie ging horstellen en het gehate juk dei-Romeinen afwerpen. En nu komt Jezus, uit het onbekende Nazareth, als de zoon eens timmermans, eene leer verkondigen, die door elk harer voorschriften in lijnrechten strijd is met al de begeerten van den zinnelijken mensch : „Zalig zijn de nederigen, want zij zullen verheven worden ; zalig de armen van geest, want hunner is het rijk der hemelen ; zalig de zuiveren van harte, want zij zullen God zien,quot; Ku mag Jezus van Nazareth door tal van wonderen met de

22

ocr page 25

EERSTE SMAKT.

elementen, met de levenden en de dooden, en door Zijne macht over de duivelen, Zich duidelijk en onloochenbaar laten kennen als don beloofden Messias, als den waarachtigen Zoon van God, voor Wien Hij zich uitgeeft; zij hebben oogen en zien niet, zij hebben ooreu en hooren niet. 's ïïeeren wonderkracht wordt óf geloochend óf aan den vorst der duivelen toegeschreven.

Maar we mogen niet over het hoofd zien, dat diezelfde Jezus ook gesteld is tot val van velen buiten Israël. Wanneer de Evangelieprediking van de Joden tot de Heidenen overging, was ook voor dezen het kruis van Christus eenedwaas-lieid. Toen ging de voorspelling van koning David in vervulling : „Waarom razen de volkeren en zinnen de natiën op ijdelheid ? Opgestaan zijn de koningen der aarde, en de vorsten hebben zich te zamen verbonden tegen Jehova en tegen Zijnen Gezalfde 1quot;

Eerst na drie eeuwen van bloedige vervolging werd de zegepraal des Kruises bevochten.

Evenwel ook voor velen uit het Christendom was de Zaligmaker ten val gesteld. Voor allen, n 1. die vallen in de ketterij en die door den geest des ongeloofs, door de dwaling verwekt, komen tot openbare en algeheele Christusverloo-chening'.

Wat pijnlijke smart moet het moederhart van Maria getroffen hebben op het woord van den H. Simeon, omdat zoovelen harer kinderen Jezus

23

ocr page 26

24

niet aannamen en door eigen schuld verloren zouden gaan.

Bidden wij de Moeder der Smarten, dat wij althans aan Jezus en Zijn Kruis niet geërgerd * worden, maar in loven en sterven trouwe volgelingen mogen Wijven van onzen goddelijken Meester.

Oefening van deugd. Bidden ter eere van Maria, de Moeder der Smarten, voor de bekeering der dwalenden en ongeloovigen; en voor ons zeiven smeeken om de genade het woord Gods in een goed en best hart aan te nemen, het te bewaren en vruchten voort te brengen in lijdzaamheid. i

Schietgebed : Heer ! wees mij niet tot val, maar tot opstanding.

Voorbeeld.

Zuster Magdalena Orsini van de Orde der Dominikanessen was geruimen tijd ter prooi aan droefheid en kwelling.

Op zekeren dag verscheen haar de Zaligmaker en spoorde haar aan met Hem Zijn Kruis te dragen, door deze beproevingen geduldig te lijden. „Maar Heer,quot; antwoordde zij, ,Gij hebt slechts drie uren aan het Kruis gehangen, en ik lijd reeds gedurende vele jarenquot;. Daarop hernam de goddelijke Verlosser : Weet gij dan niet, dat Ik van het eerste oogenblik van mijn bestaan,

ocr page 27

EERSTE SM A RT.

25

in mijn hart, al de kwellingen geleden heb, die Ik aan mijn Kruis verduurd heb'?quot; Van toen af moet het haar zoet en aangenaam * geweest zijn met Jezus aan het kruis te vertoeven.

*

PATERS MINDERBROEDERS MCUWF NtOORP

ocr page 28

DERDE FEBRUARI.

at grievend wee moeten doze woorden van

Eerste Smakt.

Derde Verhandeling. „Zie, Deze is gesteld tot een teeken, dat wedersproken zal worden, opdat uit veler harten de gedachten zich openharenquot;.

den heiligen grijsaard in het hart van Maria veroorzaakt hebben. Jezus, haar Goddelijk Kind, liet Licht, dat eiken menseh verlicht komende in deze wereld; Hij, de weg, de waarheid en het leven, gesteld tot een teeken, dal, wedersproken zal worden ? En door die tegenspraak zouden velen harer kinderen verloren gaan. Die tegenspraak des Heeren, zoowel van den kant der Joden als van den kant der Heidenen was eeuwen te voren door de Profeten voorspeld. „De Heer, zoo sprak Isaias van de Joden, zal zijn tot een steen des aanstoots, tot een strik en ten ondergang voor de bewoners

ocr page 29

EERSTE SMART.

van Jeruzalem ; en zeer velen uit hen zullen zich daaraan stooten, en zij zullen vallen en vermorzeld wordenquot;. En van de Heidenen voorspelde David: „Waarom razen de volkereu en zinnen de natiën op ijdelheid ? Opgestaan zijn de koningen der aarde, en de vorsten hebben zich te zamen verbonden tegen Jehova en tegen Zijnen Gezalfde: laat ons hunne banden verbreken en hun juk van ons afwerpenquot;. Voegen wij hier ook bij de vermaning, welke de H Petrus tot de Christenen richtte: „Voor u, die gelooft, is de eer ; maar voor de ongeloovigen is de steen, dien de bouwlieden verworpen hebben, tot een steen des aanstoots en tot eene rots der ergernis geworden; voor hen, die zich stooten aan het Woord en ongeloovig zijnquot;.

De Zaligmaker is van Zijn eerste openbaar optreden af tot den laatsten dag Zijns aardschen levens toe een teeken van tegenspraak geweest.

Met lage minachting werd er van Zijne geboorteplaats gezegd: „Kan er van Nazareth iets goeds komen?quot;

Wanneer de Heiland in Zijn vaderstad in de-Synagoge leeraarde, werden Zijne wijsheid en wondermacht in twijfel getrokken. Voor hen, die alleen aan het uiterlijke hingen, was 's Hee-ren afkomst en stand veel te gering. Daarom spraken zij : „Vanwaar heeft Deze zooveel wijsheid en wonderkracht'? Is Hij niet de zoon eens timmermans? Heet /'ijne moeder niet Maria en

27

ocr page 30

28 MATER DOLOROSA.

Zijne broeders niet Jacobus en Jozef, en Simon en Judas ? En Zijne zusters, wonen zij allen niet bij ons ? Van waar dan heeft Hij deze buitengewone gaven?quot; En allen werden in Hem geërgerd.

Ofschoon de eeuwige Wijsheid in persoon, werd Hij voor een onwetende, ja zelfs voor een dwaas gehouden ; „Hoe kan Deze de Schriften kennen, daar Hij ze niet geleerd heeft? Hij is van Zijn verstand beroofd; hoe kunt ge nog naar Hem luisteren?quot; En wolk oen smet werd er op het onberispelijke leven van den Heilige der Heiligen geworpen, die Zijne verbitterdste vijanden kon toeroepen: ,Wie uwer zal Mij van zonden overtuigen?quot; rZiet, zoo lasterden zij, dien gulzigaard, dien minnaar van wijn, dien vriend van publikanon en zondarenquot;.

Wanneer Hij de eer van Zijnen hemelschen Vader verdedigde, schold men Hem voor oen ketter en voor een bezetene. „Zeggen wij niet te recht, dat Gij een Samaritaan zijt en den duivel inhebt?quot;

Als de Heer de duivelen uitdreef, schreef men Zijne macht toe aan Beëlzebub: „Door den vorst der duivelen drijft Hij de duivelen uit.quot;

In het hoogste gerechtshof der Joden werd de Zoon Gods voor een godslasteraar uitgekreten : „Hij heeft God gelasterd, wat hebben wij nog getuigen noodig? Hij is des doods schuldigquot;.

ocr page 31

EERSTE SMART.

Overgegeven aan de willekeur van liet laagste gemeen, onderging de Alwetende, Die harten en nieren doorgrondt, voor Wien de. toekomst open ligt, de bespotting- van een valschen profeet: „ Kn zij blinddoekten Hem en sloegen Hem in het aangezicht, zeggende; .Profeteer ons, wie is het die U geslagen heett ?quot;

En hoe Inidde dc beschuldiging der Joden voor den landvoogd Pontius Pilatus tegen Hem, Die al weldoende het geheele land was doorgetrokken? „Als deze geen boosdoener was, zouden wij hem u niet overgeleverd hebbenquot;.

Die veelzijdige tegenspraak zou hij 'sllee-ren dood geen einde nemen. De Heiland had het voorspeld: „Hebben zij Mij vervolgd, zij zullen ook u vervolgen ; de dienstknecht is niet beter dan zijn meester.quot; Hieraan zou men do ware leerlingen van Christus kennen, dat zij tegengesproken, gehaat en vervolgd werden. Drie eeuwen lang was de naam van Christen genoeg' om het doodvonnis over honderden en duizenden Martelaren uit te spreken ; en na de zegepraal des Kruises over do afgoderij, zal de Christus een teeken van tegenspraak blijven voor alle ketterijen, die in den loop der eeuwen het hoofd zouden opsteken. Die ketterijen verder hebben steeds eeneu breederen en ruimeren weg gebaand voor het hedendaagsche ongeloof, dat met Christus en Zijne leer en instellingen geheel en voor goed gebroken heeft.

29

ocr page 32

MATER DOLOROSA.

Al die tegenspraak nu, welke haar Goddelijk Kind tijdens Zijn leven en in den loop der eeuwen moest ondervinden, werd Maria, de Moeder der Smarten, beteekent door het profetisch woord van Simeon.

Maar het was noodig-, dat die rampzalige tegenspraak kwam : opdat uit vele harten de gedachten zich zouden openbaren. Het. moest voor de gansche wereld blijken wie de oprechte, wie de valsche Israëlieten waren. Nathanaiil en Judas zullen bekend worden ; want men is of vóór, of tegen God en Zijnen Gezalfde. „Wie niet niet Mij is, is tegen Mijquot;. En openbaar zijn ze geworden al de ongerechtigheden, welke die overpleisterde graven van Schriftgeleerden en Farizeërs in zich bevatten. Hunne listen en lagen tegen Jezus bewezen luide genoeg van welken geest zij bezield waren, zoodat de Zaligmaker hen met liet volste recht ontmaskerde: .Gij hebt den duivel tot vaderquot;. En die vader der logentaal, die moordenaar van den beginne af, telde ook in het Christendom zoovele kinderen als er ketters zijn opgestaan. Do gewetens dezer zoogenaümde ijveraars moesten openbaar worden en hunne hoovaardigheid, winstbejag en zedelijke ellende aan het licht komen. Zoo werden de valsche profeten, die in schaapskleederen tot ons kwamen, ontmaskerd als grijpende wolven. En wat zullen wij zeggen van den treuri-gen tijd waarin wij leven ? Voora in deze god-

30

ocr page 33

31

delooze dagen worden de gedachten van vele menschen openbaar. Op elk gebied is de strijd begonnen tegen Jezus en Zijne Kerk Men wil het stellen buiten Jehova en Zijnen Christus, in de wetgeving-, in het onderwijs, in de kunsten, in den handel en in eikentak van nijverheid

Hoevele Christenen verlaten het vaandel van Jezus Christus, om te strijden onder de banier van Satan. Hoevele spreken schrijven en handelen tegen onzen heilig'en godsdienst en zijne-bedienaren! Hoe weinigen durven tier onridderlijk voor God en Zijne geboden partij te trekken, terwijl het kwaad zicli steeds meer in het openbaar vertoont, en immer driester optreedt.

Maar al wie tegen Christus is, kant zich ook tegen Maria. De lastering en loochening van het Kind zijn tegelijk eene aanranding en schending der Moeder. Al hef lijden van den Zoon vindt weerklank in het hart van de Koningin der Martelaren.

Laten toch bij zooveel tegenspraak en zooveel tegenkanting ook do gedachten van ons hart openbaar worden Zeggen wij niet de Apostelen, maar steunende op de goddelijke genade : „Lieve Jezus, al zouden ook allen U verlaten, wij zullen U nooit verlaten, wij zijn bereid U te volgen tot den doodquot;. Laten wij bovendien van onze goede gezindheid blijk geven door stipte vervulling onzer christelijke verplichtin-

ocr page 34

MATEK DOLOROSA.

gen; dan zullen wij Maria, de Moeder van Smarten, den zoeten troost verschaffen, dat haar Kind voor ons niet gesteld is tot val, maar tot opstanding ten eeuwigen leven.

Oefening van deugd. Zich in woord en werk altijd gedragen als oprechte leerlingen van Christus en trouwe kinderen van onze Moeder de H. Kerk.

Schietgebed. Spreek, Heer, tot mijn hart, want Uw dienaar luistert.

VooniiEELD.

De H. Pelegrino Laziosi liet do godsvrucht voor den lijdenden Zaligmaker gepaard gaan met eene teedere devotie voor de Moeder dei-Smarten. Beider lijden was dag en nacht het voorwerp zijner overweging. Uit dankbare wederliefde had hij zich als boetpleging opgelegd altijd te blijven staan in de rotsspelonk, welke hij zich in de nabijheid van Siena tot verblijf gekozen had. De Heiland nu, altijd edelmoedig in het vergelden, liet Zijnen dienaar door een wonder ondervinden, hoe aangenaam Hem dit offer was. Wanneer hij door den kanker in zijn been gedwongen was dit lidmaat te laten afzetten, liet een Kruisbeeld de armen los, raakte het aangetaste deel aan, en onze Heilige was oogenblikkelijk genezen.

32

ocr page 35

VIERDE FEBRUARI.

Ebrste Smart.

Vierde verhandeling. „En door uwe eigene ziel zal een zwaard gaan.quot;

Een beker van onvermengde vreugde wordt den mensch in dit leven niet geschonken. Naast do bron van troost ontspringt de bron van lijden De doornen groeien gelijktijdig met de rozen. Zoo brengt vermeerdering van genaden ook altijd vermeerdering van lijden. Op hetzelfde oogenblik, waarop de heilige grijsaard Simeon den lof van Jezus verkondigt, als te zijn het heil der wereld, liet licht der heidenen en de glorie van Israël, voorspelt hij aan Maria het zwaard der droefheid, dat hare ziel zal doorboren. Wel wachten Haar geen geeselroeden, doornenkroon of kruisbalk, wel zal onze gezegende Moeder geenc martelingen des lichaams ondergaan, maar door het zwaard van grimmig en grievend zielsverdriet zal Zij Martelares, ja de Koningin aller Martelaren worden. Dat zwaarden beker van onvermengde vreugde wordt den mensch in dit leven niet geschonken. Naast do bron van troost ontspringt de bron van lijden De doornen groeien gelijktijdig met de rozen. Zoo brengt vermeerdering van genaden ook altijd vermeerdering van lijden. Op hetzelfde oogenblik, waarop de heilige grijsaard Simeon den lof van Jezus verkondigt, als te zijn het heil der wereld, liet licht der heidenen en de glorie van Israël, voorspelt hij aan Maria het zwaard der droefheid, dat hare ziel zal doorboren. Wel wachten Haar geen geeselroeden, doornenkroon of kruisbalk, wel zal onze gezegende Moeder geenc martelingen des lichaams ondergaan, maar door het zwaard van grimmig en grievend zielsverdriet zal Zij Martelares, ja de Koningin aller Martelaren worden. Dat zwaard

ocr page 36

MATER DOLOROSA.

zal tweezijdig- geslepen zijn ; door tegenspraak en tegenkanting1 Maar, op welke wijze het verzet tegen haar goddelijk Kind zich ook openbaart, hetzij door valsche beschuldigingen, hetzij door wreede mishandelingen, in beide gevallen, wordt het in de H. Schriftuur een zwaard genoemd. .De kinderen der menschen hebben tanden als wapenen en pijlen, en hunne tong' is een scherp zwaardquot;. „Zij hebben hunne tongen als een zwaard gescherpt, hun boog gespannen, om in het verborgene den onschuldige te treffenquot;.

Dat dubbele zwaard nu van booze aanklacht en snooden aanval tegen Jezus, zal de ziel van Maria doorboren, en ziet daar eene eerste reden, waarom hare smarten die van alle Martelaren verre te boven gaan. Zooverre toch de ziel het lichaam te boven gaat, zoover overtreft het zieleleed elke kwelling des lictiaams. En naarmate eene ziel meer door het licht des hemels bestraald en met vuriger liefde voor God vervuld is, zal zij ook teergevoeliger zijn voor de beleedigingen, welke God worden aangedaan.

Wat dan te zeggen van de felle smart, welke Maria's ziel, vol van genade en gloeiend boven het vuur der Serafijnen, moet overstelpt hebben bij de smart en den smaad haar goddelijk Kind aangedaan? De graad van hare liefde is de maat van haar lijden.

Omdat Maria haar goddelijk Kind onvergelijkelijk meer beminde dan Zich zelve, werd

34

ocr page 37

EERSTE SMART,

Zij terwille van haren Zoon meer gefolterd, dan wanneer Zij persoonlijk Zijne pijnigingen had ondergaan. En ziet daar eene tweede reden, waarom hare smarten, die van allo Martelaren verre overtreffen. Van Maria is deze uitspraak volkomen waar: „De ouders lijden meer in hunne kinderen, dan in zich zeivenquot;.

Wat moet er omgegaan zijn in het hart van den rechtvaardigen aartsvader Abraham, toen de Heer hem tot bevel gaf: „Neem uwen eenigen zoon, dien gij liefhebt, Isailk, en trek naar liet land der verschijning, en daar zult gij hem tot een brandoffer opdragen op een der bergen, dien Ik u toonen zalquot;. Hoe zal op den derden dag na de afreis de vraag van Isailk zijne ziel gepijnigd hebben: „Vader, ik zie wol het vuur en het hout; waar is het slachtoffer voor de brandofferande?quot; O, smartvolle dagen voor het teederminnend vaderhart! Maar wat Abraham slechts drie dagen kwelde, heeft Maria gedurende drie en dertig jaren gefolterd, en hare marteling was zooveel grooter, omdat haar Zoon oneindig beminnenswaardiger was dan het kind van den aartsvader.

Wanneer de Profeet Nathan koning David boodschapte, dat zijn kind moest sterven, was deze uiterst bedroefd, en hij smeekte den Heer om het behoud van zijn kind, en hij vastte en wierp zich plat ter aarde neder. Na acht dagen echter heeft hij zijn rouwgewaad afgelegd, en

35

ocr page 38

MATER DOLOROSA.

zijne vrouw Bethsabee getroost. Maria echter is op het woord van den Profeet geheel het leven van haar goddelijk Kind ter prooi geweest aan de felste smarten. Wanneer Zij Hein teederlijk verzorgde en in doeken wikkelde, kwamen Haar de boeien en ketenen voor den geest, waarmede Zijne vijanden Hem zouden beladen. Wanneer Zij Hem voedde aan hare borst, dacht Zij aan de gal en den azijn, die door de profeten voorspeld waren. Wanneer Hij sliep aan haren boezem, waande Zij Hem gestorven op hare armen te nemen. Wanneer Zij in vervoering harer moederlijke liefde en toegenegenheid een kus op Zijn heilig voorhoofd drukte, sprak Zij bij zich zelve: „Moet dat gezegend hoofd met scherpe doornen gekroond en dat aanbiddelijk gelaat wreedelijk geslagen en schandelijk bespuwd worden? Zullen felle geeselslagen die teedere ledematen verscheuren en openrijten ? Zijn die handen en die voeten bestemd voor ruwe spijkers en grove nagelen ? Dan werden bij die beschouwing hare oogen vervuld van tranen, en brak haar hart schier van droefheid.

Wanneer haar Kind opgroeide en toenam in behaaglijkheid bij God en bij de menschen, steeg Hij vooral in welgevallen bij Zijne Moeder. Maar bij het klimmen der liefde», groeiden ook hare smarten. Hoe ouder haar dierbaar Kind werd, hoe meer het tijdstip van Zijn lijden

36

ocr page 39

HBRSTE SMART. Sl

naderde, des te dieper drong- het zwaard, Haar door Simeon voorspeld, in haar moederlijk hart. De gedachte aan 's Heeren aanstaanden dood doorboorde hare ziel.

Al dat naamloos lijden heeft Maria verduurd zonder de minste vertroosting'. Eu ziet daar eeue laatste reden, die do smarten van Maria onvergelijkelijk zwaarder maakte dan die van andere martelaren. Voorzeker veel en zwaar hebben de heilige Bloedgetuigen van Christus geleden, maar hunue liefde voor Jezus was een zachte dauw des hemels, die het vuur hunner pijnen temperde. Wanneer do H. Lau-rentius met verwonde e,n verscheurde ledematen op den gloeienden rooster was gelegd, waarbij aan alle kanten vuur was aangebracht, sprak hij spottend met zijne torinenten, tot don tiran: „Aan eene zijde ben ik reeds genoeg gebraden, keer mij om en eet.quot; Het uitwendige vuur, zegt de H. Leo, brandde trager, dan het vuur der liefde, dat hem inwendig verteerde Zooveel kracht en moed betoonde ook de heilige Martelaar Vincentius. Op de pijnbank uitgestrekt, duor ijzeren haken verscheurd en brandend in de felle vlammen, sprak hij met zooveel doodsverachting tot ziji.e beulen, dat er twee Vin-centiussen aanwezig' schenen, een die leed, en een ander, die sprak. De liefde tot Jezus deed velen reikhalzend uitzien naar de smartelijkste pijnigingen en de gruwzaamste folteringen.

ocr page 40

38 MATER DOLOROSA.

Zien wij o. a. het vurig- veriangen van den H. Ignatius naar den marteldood. In zijn brief aan de Romeinen schrijft hij : „Van Syrië tot Rome strijd ik tegen wilde beesten te zee en te land, dag- en nacht zit ik geboeid tusschen tien tijgers van soldaten, die mij bewaken en wreedor worden naarmate men hen weldoet. Mijne leer maakt hen woedend : doch hierom ben ik nog niet gerechtvaardigd. Mocht ik toch voor do wilde dieren geworden, ik bid en smeek, dat zij mij spoedig doodmartelen en gretig zijn, om mij te verslinden. Als zij mijn lichaam niet durven aanraken, zal ik geweld gebruiken en alle moeite aanwenden, om verslonden te worden. Mijne kinderen, duidt mij deze taal niet ten kwade : ik weet, wat g-oed en dienstig voor mij is. Thans begin ik een leerling van Christus te zijn, nu ik al het aardsche veracht, om Jezus Christus te winnen. Laat vrij vuur en kruis en wilde dieren en vermorzeling van mijn gebeente en verscheuring mijner ledematen eu verbrijzeling van geheel mijn lichaam, ja al de tormenten des duivels mijn deel zijn, als ik slechts met Christus mag heerschenquot;. In het strijdperk ge bracht, sprak hij in verrukking, wanneer hij de leeuwen hoorde brullen : „Ik ben de tarwe van Christus, door de tanden der wilde dieren word ik gemalen, om een zuiver brood te zijnquot;. Zoo smachtte deze ziel naar de bruiloft van het Onbevlekte Lam.

ocr page 41

EBRHTK SMART

Hoe vuriger de Martelaren Jezus beminden, des te minder gevoelden zij hunne folteringen en tormenten. De gekruisigde Verlosser was hun steun en hun troost. Maar niet zoo was het gesteld met de Moeder der Smarten. Hare liefde voor Jezus was juist hare wreedste beul. Al wat Jezus leed in Zijn gezegend lichaam, leed Maria in haar moederlijk hart. Ja, Moeder, omdat uwe liefde geen grenzen kende, was uwe droefheid groot als de zee, en wie had medelijden met U, wie troostte U ? Slechts een enkele lichtstraal des hemels verhelderde de sombere duisternissen van Maria's ziel, dat n.1. haar goddelijk Kind geslachtofferd werd ter verzoening van den vergramden Vaderen ter verlossing der rampzalige menschheid. Om door haar lijden en door hare verdiensten aan onze verlossing mede te werken, heeft Maria de Moeder van Smarten willen zijn. Maar zooveel liefde tot ons vordert ook onze dankbare wederliefde, welke vooral hierin moet bestaan, dat wij hare smarten nooit vergeten en gestadig met haar innig medelijden toonen.

Oefening van deugd. Als onze tranen vlieten bij de overdenking van Jezus' lijden, moeten zij ook vloeien bij de beschouwing van Maria's smai ten. Zoo zullen wij den Zoon en de Moeder te zamen eeren en beider hart verheugen.

Schietgebed. Heilige Moeder ! prent de wonden van uwen gekruisigden Zoon diep in mijn hart. Am.

39

ocr page 42

matru dolorosa.

Voorbeeld.

De eerw. Pater Roviglione, van het Gezelschap van Jezus, verhaalt dat een jongeling de godvruchtige gewoonte had lederen dag een bezoek te brengen bij een beeld van de Moeder der Smarten. Op zekeren keer had hij zich gedurende den nacht aan een doodzonde schuldig-gemaakt. Als hij nn des morgens zijn gewoon bezoek aan Maria bracht, zag hij in liet hart der H. Maagd acht zwaarden in plaats van zeven. Als dit zijne verwondering wekte, en hij met alle aandacht het beeld bleef gadeslaan, hoorde hij eene stem, die hem verweet, dat zijne doodzonde dit achtste zwaard voor het hart van Maria gesmeed had. Vol berouw over zijnen misstap, ging hij, in tranen wegsmeltend, op staanden voet eene rouw moedige biecht spreken, en hij bekwam de goddelijke genade terug dooiden bijstand van zijne machtige Voorspreekster.

40

ocr page 43

b

VIJFDE FEBRUARI.

Tweede Smart.

Eerste Verhandeling. De Kindermoord van Bethlehem.

% A

(~~A nd had zijn uitverkoren volk van Israël be-JT zocht. Het licht en de glorie den Heeren was over Jeruzalem opgegaan. De heidenen wandelden in dat licht en de koningen in den glans, die de Vorstinne der steden bescheen. Van verre waren hare zonen en dochteren gekomen, de menigte over de zee en de kracht der volkeren. Een vlood van kameelen bedekte hare bergen, dromedarissen van Madian en Epha vulden hare valleien. Van Saba waren zij allen toegestroomd, goud en wierook aandragend en den lof des Hoeren verkondigend. Jeruzalem had het gezien, maar zij was niet opgesprongen van blijdschap, geene, bewondering had haar aangegrepen, haar hart had zicli niet uitgezet. De Heer kwam tot de Zijnen, maar de Zijnen hebben Hem niet aangenomen.

J.

vV amp;

i

•S '#

ocr page 44

42

De Ster uit Jacob opgeg-aan, volgens do voorspelling van den Profeet Balaam, was in het Oosten gezien door drie rechtvaardigen, Caspar, Melchior en Balthasar. De Schepter in Israël moest verrezen zijn. Den nieuwen Koning zullen zij zeker vinden te Jeruzalem, de hoofdstad des rijks. Maar zij mogen niet met ledige handen voor den Vorst verschijnen, daarom voeren zij rijke geschenken met zich mede : goud, wierook en mirre. De feestdos en de feestvreugde der stad zal hunne verwachting niet beschamen. — Helaas! te Jeruzalem aangekomen, bespeuren zij niets van het heuglijk feit, dat hemel en aarde verheugt. Vandaar hunne vraag; „Waar is de niouwgeboren Koning der Joden? Want wij hebben Zijne ster in het Oosten gezien en zijn gekomen om Hem te aanbiddenquot;. Hunne schitterende karavaan en die ongehoorde vraag veroorzaken gerucht en beweging in de stad.

Ook Herodes, de koning, verneemt de komst der Wijzen en het doel van hunne reis, en hij ontstelde en geheel Jeruzalem met hem. Aanstonds is zijn plan gevormd. Als hij maar de geboorteplaats van dien nieuwen koning kan achterhalen, zal hij zijnen tegenstander uit den weg ruimen. De oversten der priesters en de schriftgeleerden uit het volk noemen Bethlehem. Daarheen laat hij de Wijzen vertrekken met het verzoek hem te willen boodschappen, als zij het Kind gevonden hebben, om Het ook te

ocr page 45

TWKBnE SMAKT.

komen aanbidden. — Het masker van godsdienstigheid moet in zoovele duivelsche zaken dienst doen. — De ster geleidt de heilige Koningen naar de nederige grot, waar de Koning der koningen de gestalte van een dienstknecht heelt aangenomen. Zij aanbidden Hem en huldigen door hunne geschenken Zijn koningschap, Zijne Godheid en Menschheid. In den nacht evenwel werden zij door een Engel vermaand niet naar Herodes terug te keeren. En zij gaan langs een anderen weg naar hun land terug.

Vergeefs bleef Herodes op de wederkomst der Koningen wachten. Als de achterdochtige koning zag, dat hij door de Wijzen bedrogen was, vaardigde hij een bevel uit: „Alle knapen van twee jaren en daar beneden, te Bethlehem en omstreken, te dooden. Zoo zal ook zeker de nieuw-geboren Koning dor joden vallen door het zwaard. Wreede Herodes! wat vreest gij de komst van dezen koning. Zijn rijk is niet van deze wereld. Hij neemt geen aardsche kroon, die hemolsche geeft.,

Maar bestaat er raad en beleid tegen den Heer ?

Nog is het uur dor duisternis niet gekomen, nog blijft de macht van den vorst dezer wereld geketend. De kribbe des Ileeren zal met de-bloem der Martelaren versierd worden, in het rond getooid met ontluikende rozen, door den stormwind neergeveld. Het eerstelingsolfer van

43

ocr page 46

M ATIOK DOLOROSA.

erne teedere lammerenschaar voor Christus gedood, zal bij het altaar zelf met palm en kroon aanvallig spelen. Doch over de wieg des Heercn waakt de Engel Gods.

Maar de profetie van Jcremias moet vervuld worden: „Een klagende stem is op het gebergte gehoord, gehuil en geschrei van Rachel, die hare kinderen beweent en over hen niet wil getroost worden, omdat zij niet meer zijnquot;.

Gaat, mijne trawanten, zoo luidt het koninklijk bevel, verinoord mijnen tegenstander, laat vrij de wiegen druipen van het bloed !

Er moeten lammeren gedood worden, omdat straks het Onbevlekte Lam gekruisigd zal worden, dat wegneemt de zonden der wereld. Groote slachting, wreed schouwspel ! De moeders worstelen met do beulen. Dezen trekken en rukken, genen houden hare zuigelingen wanhopig in de armen gesloten De haren hangen los en wild dooreen. De oogen schieten vuur. Krampachtig staan alle ledematen gespannen. De eene roept: „Mijn kind, met zooveel behoedzaamheid gedragen, slingert gij met wreede hand onbarmhartig over den grond !quot; Eene andere klaagt: „Mijn kind is onschuldig, zoo er eenige misdaad is, straf mij; spaar de moeder niet, maar dood mij naast mijn kind!quot; Een derde spreekt: „Gij zoekt er één en slacht er velen, en dien Eenen kunt gij niet bereiken; kom toch. Verlosser der wereld. Gij behoeft niemand te vreezen,

44

ocr page 47

TWEEDE SMART.

vertoon U aan de beulen, opdat zij onze kinderen niet vermoorden!quot;

Inderdaad dien Eénen kunnen de beulen niet bereiken. Hun zwaard kan Hem .niet treffen. Want toen de Koningen vertrokken waren, werd Jozet in den slaap door den Engel vermaand : „Sta op, neem het Kind en Zijne Moeder, en vlucht naar Egypte, en blijf daar, totdat ik het u zeggen zal; want Herodes zal komen, om liet Kind te zoeken en het te dooden.quot; De H. Jozef wekte onmiddellijk zijne Bruid en deelde Haar de droevige boodschap mede.

Simeon's voorspelling: „Een zwaard van droefheid zal uwe eigene ziel doorborenquot;, begint in vervulling te gaan.

Moet Hij dan vluchten, zoo kon Maria spreken, de Heer der heerscharen, Wien legioenen van Engelen ten dienste staan, voor Wiens gelaat heel de aarde beeft ? Hoe! de Verlosser van allen moet vluchten voor Zijn nietswaardig schepsel ? Hij, die Noc heeft gered uit den zondvloed, Loth beschermd voor het vuur van Sodoma en Daniël beveiligd voor den muil dei-leeuwen ? Kan do hemelsche Vader zijnen Engel niet afzenden, die het slachtzwaard van Abraham heett tegengehouden ? En waarom, zoo mogen wij vragen, juist naar het ongeloovig en zedeloos Egypte? Waarom niet liever naar de stad Nazareth of naar het Oosten, het land der heilige Koningen. Daar toch zou de H. Familie

45

ocr page 48

MATBR DOLOROSA.

met vreugde verwelkomd en met alle eer en toewijding verzorgd zijn ?

Doch slechts een: „Mij geschiede naar uw woordquot;, kwam over Maria's lippen. Zij wist, dat haar Kind vluchtte niet uit vrees, maar volgens het raadsbesluit des Vaders. Als straks Zijn tijd zal gekomen zijn, zal Hij in het openhaar over Zijne vijanden zegevieren. Do Heer verwaardigde zich naar Egypte te vluchten, zegt de H. Fulgentius, om later zich te verwaardigen het Kruis te bestijgen; niet de boosheid van anderen, maar Zijne eigene goedheid deed Hem den dood ondergaan; Hij is geofferd, omdat Hij zelf het wilde. Evenwel die vrijwillige vernedering van haar Kind pijnigde diep het hart van Maria, terwijl angst en bezorgdheid voor Zijn dierbaar leven hare ziel met smartelijk leed vervulden. „Neem het Kind en Zijne Moeder en vlucht naar Egyptequot;. Is er, vraagt de H. Joannes Chrysos-tomus, grooter leed denkbaar, dan dat eene jeugdige moeder gedwongen wordt te vluchten met haar pasgeboren kind, en wel naar een vreemd land en een vijandig volk? En toch Maria begaf Zich met volle onderwerping op den weg der ballingschap. Zij bleef haar zin-spreuk getrouw: „Zie de dienstmaagd desHeeren, Mij geschiede naar Uw woordquot;.

Oefening van deugd. Leeren wij van Maria eiken tegenspoed, zoo al niet met blijdschap en liefde,'dan toch minstens met geduldige gelatenheid dragen.

46

ocr page 49

TWEEDE SMAKT.

47

Schietgebed. Heer ! ik ben geheel de Uwe, Uw wil geschiede. Amen.

V OORBEELD.

De Heilige Maagd verscheen op zekeren keer aan de gelukzalige Coletta, eene Franciskaner kloosterzuster. Zij toonde haar het Kindje Jezus, vermorzeld en verbrijzeld liggende op eene schaal, en sprak tot haar: „Zie, hoe do zondaren niet ophouden mijnen Zoon te mishandelen, zie, hoe zij Zijnen dood hernieuwen, door Hem opnieuw te kruisigen in hun hart door elke doodzonde, en hoe zij mijne smarten vermeerderen. O, mijne dochter, bid toch veel en vurig voor de arme zondaars, opdat zij zich bekeeren.quot;

ocr page 50

ZESDE FEBRUARI.

Tweede Smakt.

Tweede Verhandeling. De vlucht naar Egypte.

Zonder aarzelen of dralen gaven Jozef en Maria gehoor aan de roepstem des Heeren. Het nachtelijk uur mocht, vooral in dit seizoen, al bijzonder ongunstig wezen. Zij aanvaardden aanstonds den weg der ballingschap Vele en groote smarten naar lichaam en ziel moest Maria, de vijftienjarige Moedermaagd, op die lange en bange reis doorstaan. De Gezegendste onder de vrouwen waszoo weinig gewoon aan die zware vermoeienissen, engeene hulpvaardige dienstmaagd stond Haar ter zijde. De arme heeft geen helper. Een weg' van minstens dertig dagen had Zij af te leggen, een onbekenden en onbegaanden weg. Moeilijkheden on hindernissen allerwege. Hooge bergtoppen versperden hunnen weg, doorwaad-bere waterplassen vertraagden hunnen gang,onder aarzelen of dralen gaven Jozef en Maria gehoor aan de roepstem des Heeren. Het nachtelijk uur mocht, vooral in dit seizoen, al bijzonder ongunstig wezen. Zij aanvaardden aanstonds den weg der ballingschap Vele en groote smarten naar lichaam en ziel moest Maria, de vijftienjarige Moedermaagd, op die lange en bange reis doorstaan. De Gezegendste onder de vrouwen waszoo weinig gewoon aan die zware vermoeienissen, engeene hulpvaardige dienstmaagd stond Haar ter zijde. De arme heeft geen helper. Een weg' van minstens dertig dagen had Zij af te leggen, een onbekenden en onbegaanden weg. Moeilijkheden on hindernissen allerwege. Hooge bergtoppen versperden hunnen weg, doorwaad-bere waterplassen vertraagden hunnen gang,

ocr page 51

TWERDE SMART.

doom- en straikgewas belemmerden hunnen tocht, 't Was een tobben en zwoegen tegen hinderpalen zonder tal en zonder end. Bovendien geschiedde de vlucht in den winter. Sneeuw en regen en scherpe windvlagen kwelden de Vloeder van Smarten. Zij vond zoo weinig beschutting tegen het ongestadige jaargetijde met zijne wisselende weersgesteldheid. De noodig e klceding tot dekking van Haar zelve en van het Goddelijk Kind moet Haar ontbroken hebben. Immers bij de geboorte van den Heiland was Zij zoo behoeftig, dat Zij slechts eenige ruwe omwindselen te harer beschikking had. Thans bij die overhaaste vlucht kan Zij niet meer dan het meest onontbeerlijke bezeten hebben. Terwijl de nijpende koude hare ledematen verstijfde, drukte Zij in moederlijke bezorgdheid haar feeder Kind innig vast tegen haren boezem, om Het te koesteren en tegen de scherpe hicht te beschutten.

Maar was dan haar Kind niet de Heer vau alles ? Behoorden Hem niet de ceders van den Libanon, de dieren van het woud en do akkers der valleien ? Ja, Maria wist, dat hnar Kind met kwistige hand millioenen sterren in het uitspansel heeft ingeplant, dat Hij het is, die de parelen op den bodem van den Oceaan gezaaid en goud en zilver in het ingewand der aarde gelegd heeft. Zij was er niet onkundig van, dat het Wicht, Wat Zij in hare armen droeg, het vogelenheer

49

4

ocr page 52

I

50 MATER DOLOROSA.

in prachtigen vedertooi heeft uitgedost eu heel de aarde tooide in kruid en loover.

Maar, Zij leed alles met onuitsprekelijk geduld ter wille van haar Kind, arm geworden, om ons rijk te maken.

En vanwaar bekwam Maria leeftocht, spijs en drank, voor een tocht van ruim vier weken ? De luttele voorraad hard brood, door den H. Jozef medegenomen, was al spoedig opgeteerd, en het water in de kruik ras verbruikt. Zelfs met een onbegrensd vertrouwen op de Goddelijke Voorzienigheid, ging Maria eene onzekere toekomst tegemoet. Hoog was de nood gestegen. Dat haar Goddelijk Kind honger en dorst moest lijden, doorboorde hare ziel. Maar de hemelsche Vader beproeft niemand boven zijne krachten. Hij is met ons in de verdrukking, om ons te verlossen en te verheerlijken. Evenwel meldt ons de H. Schrift niet, op wat wijze de goede God in het onderhoud der heilige vluchtelingen heeft voorzien. Of er een Engel gezonden werd, om het Goddelijk Gezin te spijzigen, gelijk er een hemelbode word afgevaardigd tot den Profeet Elias, die door de kracht der verstrekte spijs veertig dagen voortwandelde naar den berg Horeb : of wel een mensch, met de noodige mondbehoefte voorzien, gelijk de Profeet Habakuk tot den rechtvaardigen Daniël in den leeuwenkuil : wij weten het niet. Maar Hij, die voor Ismaël, Agars zoon, eene frissche waterbron liet

ocr page 53

■

TWEEDE SMART. 51

gt;] ontspringen en Israels legerscharen veertig jaren met liet manna des hemels spijzigde, heeft ook

^ i den Zoon van Maria ten bekwamen tijde spijs

jj en drank verstrekt.

Eindelijk nog moeten wij met den H. Bona-n ventura vragen, waar heeft de H. Familie ge-? * durende de vlucht naar Egypte overnacht, boe jl waren Zij geherbergd ? Het gebergte toch en de aj woestijn zijn uitteraard zoo onherbergzaam. Eene 3 rotsspelonk of eene holte in de zandvlakte kun-ce nen niet anders dan weinig passende schuil e_ plaatsen aanbieden. Zullen misschien do takken n der boomen zich hebben neergebogen ter be ,g( schutting van den Maker van het heelal, die het ~e firinanient als een reuzengordiju boven onze n hoofden heeft uitgespannen ? Ot woonde er mote gelijk hier en daar een eenzame woestijnbewoner, fU die, naar het voorbeeld van Abraham, zijne gastee vrije woontent openstelde, om de reizende en bannelingen op te nemen en hunne afgematte .,1 ledematen te verfrisschen en te verkwik-er ken? — Zeer waarschijnlijk is het Maria en fQ. den Zoon des menschen even kwalijk vergaan .{e als in latere dagen, toen Deze leeraarde : „De n-o' vogelen hebben hunne nesten en de vossen l(j_ hunne holen, maar dc Zoon des menschen heeft u]. geen steen, waarop Hij zijn hoofd kan neder-311- leggenquot;. Op den naakten grond, onder den 301. blooten hemel heeft Maria den onrustigen slaap jet genoten, Zij, die al hare kinderen bedekken

ocr page 54

MATER DOLOROSA.

zoude onder den mantel harer moederlijke liefde.

Bovendien al die kwellingen deslichaams,de koude, de honger en de dorst, die onherbergzaamheid en geringe beschutting, werden nog verre overtroffen door de vrees en den angst, welke Maria's ziel vervulden. Alles toch hoeft Zij te duchten van den bloe.ddorstigen Horodes, die zijn schoonbroeder Aristobulus liet verdrinken, de hoofden dor Farizeërs, Judas en Matthias, levend verbrandde en al de loden van het Sanhedrin moorddadig ombracht.

De snoode wreedaard, die zijn eigen kind aan de beulen overleverde, zal geen enkel middel onbeproefd laten, om ook den nieuw-geboren Koning der Joden te treffen. Nauwkeurig zullen zijne trawanten alle schuilhoeken doorsnuffelen, en als afgerichte speurhonden hun buit beloeren. Mocht ongelukkigerwijs haar vlucht bekend worden, dan zouden vele cohorten van soldaten de woestijn binnenstormen, om Moeder en kind te grijpen en te dooden. Dat alles overwoog Maria in haar hart. Gestadig zweefde voor hare oogen het zwaard van den beul, druipend van bloed. Bovendien waren die woeste stroken berucht door de talrijke roovers, die de reizigers uitschudden en vermoordden. Zouden dezen Haar en haar kind sparen'? Bij elk onbestemd geluid, bij het gesuis van den wind, het ritselen der bladeren en het klapwieken der vogelen, schrikte Zij op. Do in het zand achtergebleven

ocr page 55

TWEEDE SMART.

voetsporen van monsclien ontstelden Haur. Ieder oogeublik kon men Haar overvallen. Wreede foltering' voor haar vurig' minnend moederhart! Dan bad en smeekte Zij den hemelschen Vader om bescherming voor haren Jezus, voor haren Jozef en voor Zichzelve. Dat gebed nu bleef niet onverhoord. De Heer, die Zijnen Engel zond om den jeugdigen Tobias door vele gevaren te geleiden, heeft ook Zijne hemelsche legerscharen gelast Zijnen Zoon te bewaken op al Zijne wegen en Hem te dragen op hunne handen, opdat Hij Zijnen voet niet zoude stooten aan eenen steen.

Oefening van deugd. In kommer en kwelling-ons vernederen onder de machtige hand des Heeren, en ons verlaten op de. Goddelijke Voorzienigheid !

Schietgebed. Heer! wees mijn trooster in de verdrukking'. Amen.

VOOI'.liEELD.

De H. Anselmus verhaalt: „Men mag met de overlevering' aannemen, dat Jezus op zijne vlucht door roovers overvallen en door een jongeling gered werd.

Deze laatste was, naar men vermeldt, de zoon van den hoofdman der rooverbende en, het Goddelijk Kind op den schoot dor heilige Moedor beschouwende, werd hij zoozeer getroffen

53

ocr page 56

MATER DOLOROSA.

54

door de. aanminnige schoonheid, welke op het gelaat des Kinds straalde, dat hij in Jezus meer dan een gewoon kind erkende, en, hot liefkoo-zcnde, uitriep : ,0, Gezegendste aller kinderen ! indien de gelegenheid zich ooit aanbiedt, gedenk U dan mijner en vergeet dezen dag nietquot;. Eene andere overlevering voegt hierbij nog deze bijzonderheden; de twee roovers, welke de H. Familie overvielen, heetten Dismas en Gesmas. De laatstgenoemde en de oudste hield reeds het zwaard opgeheven, om het Goddelijk Kind te treffen, maar Dismas wierp zich tus-schen beiden en beloofde zijnen makker dertig drachmen, wanneer hij zijn plan opgaf. Op de boven aangehaalde bede van Dismas, dien wij op den Calvarieberg als den goeden moordenaar aantreffen, zou Jcsus, die intusschen ontwaakt was, hem toegelachen en Maria hem hare moederlijke bescherming en de, toekomstige belooning van haar Kind beloofd hebben.

ocr page 57

ZEVENDE FEBRUARI.

Twkedb Smart.

Derde Verhandeling-. Het verbljjf in Egypte.

a vele moeilijkheden en ontberingen van

allerlei aard bereikte de li. Familie de

grenzen van Egypte. Toen ging de profetie van Isaias in vervulling: „Zie de Heer zal eene lichte wolk bestijgen en Egypte binnengaan; en de afgodsbeelden van Egypte zullen voor Zijn aanschijn nederstortenquot;. De eerste daad van Maria was eene vurige dankzegging voor den behouden overtocht. Met koning David heeft Zij haar dankbaar gemoed uitgestort; „Looft den Heer, want Hij is goed en Zijne barmhartigheid blijft in eeuwigheid ; de Heer heeft Ons verlost en bevrijd uit do handen onzer vijanden ; Wij dwaalden in de eenzaamheid en in de dorre vlakte ; onze oogen zagen huis noch kluis; Wij waren hongerig en dorstig, en onze levenskrachten begaven ons; maar Wij

ocr page 58

MATER DOLOROSA.

hebben tot den Heer geroepen, en Hij heeft Ons verlost uit onze kwellingen, Ons geleid langs een veillgen weg, om te komen tot de stad onzer woning. Daarom prijzen Wij de barmhartigheid des Heeren, en maken Wij Zijne wonderwerken bekend aan de kinderen der menschen, want Hij heeft onze hongerige ziel verzadigd, onze behoeftige ziel met schatten verrijkt. De Heer heeft Ons geleid uit de duisternissen en de schaduwen des doods en onze boeien verbroken. Dat alle kinderen der menschen de barmhartigheid des Heeren loven en Zijne wonderwerken prijzenquot;.

Waar nu in den vreemde een dragelijk verblijf gekozen ? Maria's voorvaderen stonden hier eenmaal in groot aanzien. Koning Pharao had vader Jacob en don zijnen het landschap Gessen tot woonplaats aangewezen. Zijn zoon Jozef was de onderkoning van het machtige rijk, en zonder zijne toelating mocht niemand in gansch Egypteland een hand verroeren of een voet verzetten. In de dagen der latere slavernij begaven Mozes en Aaron zich tot den vorst des lands, om den uittocht van Israels zonen te eischen. En toen de koning hardnekkig weigerde, toonde Jehova Zijne machtige hand en Zijn sterken arm. Zichtbaar was de-vinger Gods. Het land van Cham was getuige van 's Heeren wonderwerken. Het water van den Nijl en van al de rivieren en kanalen, van

56

ocr page 59

TWEEDFj SMART.

57

de vijvers en regenbakken werd bloed, en geen enkele vlsch behield het leven. De aarde bracht een leger van kikvorschen voort, die in de hoven des konings doordrongen en alle huizen bezoedelden. De lucht werd vervuld van milli-oenen muggen, die mensch en dieren pijnigden. Tegen vliegend ongedierte van allerlei soort kon geen mensch zich beveiligen. Eene verschrikkelijke pest onder het vee doodde de paarden en karaeelen, de runderen en schapen in groote menigte. Menschen en dieren werden door afzichtelijke zweren tontzettend gekweld. Een vreeselijke hagelslag vernielde den oogst van het veld, het geboomte van het woud en den wijnstok van het gebergte. Eene ontelbare menigte sprinkhanen bedekte het land, zoodat geen plek gronds zichtbaar bleef. Een stikdonkere nacht hing over het ganscho land, en het ontstoken licht verdreef' de duisternis niet. Al de eerstgeborenen werden door den dood getroffen ; in elk huis, zoowel in het paleis des konings als in de hut van den arme, was een lijk; ook in de stallen van het vee en op de weiden richtte de dood dezelfde verwoesting aan. De Heer was Zijn heilig woord gedachtig, dat Hij gesproken had tot Zijnen dienaar Abraham. En Hij leidde Zijn volk uit in blijdschap. Zijne uitverkorenen in vreugde. Maar voor Maria trad de Heer niet handelend op Geen engelenhand heeft haar huisje van Nazareth overge-

ocr page 60

MATER DOTjOKOSA.

bracht, zooals in la teren tijd geschied is. Zij moest al de kwellingen en ontberingen der ballingschap verduren. Aanvankelijk zocht de H. Familie een verblijf te Mataria, een voorstad van Heliopolis, om zich naderhand te Memphis, het latere Kairo, te vestigen. Hoe nu was de ontvangst onzer drie vreemdelingen bij deze afgodische inwoners ? Zoo hun al geen kwelling of vervolging werd aangedaan, koude onverschilligheid of minstens koele nieuwsgierigheid was het deel der arme bannelingen. Vreem delingen zonder middelen van bestaan stuiten overal op hardvochtige gemoederen; de armen hebben geen vrienden.

Het zevenjarig verblijf in Egypte zal alzoo voor Maria eene voortdurende bron van kommer en kwelling wezen. Hare schamele woning geleek maar al te wel op den onherbergzamen stal van Bethlehem. Waren de eerste levensdagen des Heeren doorgebracht in eene naakte grot, in eene armoedige spelonk zonden ook Zijne eerste kinderjaren verloopen onder toezicht en verzorging van Maria.

Zeker het was hemel in de ziel van Maria, wanneer Zij haar lieftallig Kind langzamerhand zag ontwikkelen en opgroeien. Het was engelenvreugd in haar hart, toen de Zoon van God Haar voor de eerste maal aansprak met den zoeten naam van „Moederquot; en den lof begon te stamelen van Zijnen hemelschen Vader. Zij ge-

58

ocr page 61

59

noot al de wellusten van het moederschap, als de kleine Jezus Haar minzaam tegenlachte en Zijne armpjes uitstak om Haar te liefkoozen.

Maar die zonnige hemel werd al te zwaar bewolkt door de aanhoudende inspanning voor de allernoodigste verpleging van haar Kind. Met ijverig en onverpoosd naaien en spinnen trachtte de Moeder des Heeren in de behoeften van haar huisgezin te voorzien. Beschouwt haar aan den arbeid, die kloeke Vrouw, die alle schepselen in waarde overtreft. Zij hoeft hare. lendenen met kracht omgord en haren arm versterkt. Wol en vlas heeft Zij verzameld en bewerkt liet met harer handenkunst. Zij staat op voor het aanbreken van den dag en voorziet haar huis van spijs. Eu als liet reeds nacht is, wordt hare lamp niet uitgebluscht. Hare vingers bewegen de spil, en hare hand vervaardigt kleederen en sluiers en gordels voor de kooplieden van Kanaiin.

In het zweet haars aanschijns heeft Zij haar brood gegeten! En ach! mocht er altijd brood verdiend geweest zijn! Zullen die zuur verdiende penningen wel altijd toereikend zijn geweest om den kwellenden honger te keeren V Heeft Maria niet menigwerf het voedsel uit eigen mond gespaard, om het aan Jezus te schenken. Ja gebeurde het zelfs niet vaaU, dat het Goddelijk Kind om voedsel schreide, terwijl de lijdende Moeder niets bezat, om die tranen te stillen ? Gewis was de gedachte aan Jezus'

ocr page 62

mater dolorosa.

Godheid, die zich openbaarde door het neerstorten der afgoden, het uitdrijven der duivelen en de bevrijding der bezetenen, eene verkwikkende lichtstraal in de dichte duisternissen, die Maria's gemoed vervulden ; evenwel voelde Zij het zwaard der armoede diep in hare ziel doordringen, wanneer Zij vervuld van weemoed de bevende hand uitstak om eene aalmoes te vragen. Beschouwt Haar daar, van huis lot huis voortgaande, om aan de deuren der meerge-goeden aan te kloppen. De Koningin van hemel en aarde is eene arme bedelares geworden. Zij vol van genade en de schatmeesteres aller hemel-sche goederen. O, mijne ziel! vergeet deze zuchten uwer Moeder niet en spiegel u aan haar voorbeeld, om de ongemakken en noodwendigheden des levens gelaten te dragen. I ie planten van geduld en lijdzaamheid moeten welig tieren in den hof van den Christen.

Oefening van deugd. In kommer en kwelling, in druk en lijden, zich de werkzaamheid en lijdzaamheid van Maria levendig herinneren.

Schietgebed. Zalig do armen van geest, want hunner is het rijk der hemelen, Amen.

Voorbrhxd.

Eene zeer oude overlevering verhaalt, dat zekere Aphrodisius, hooge priester van de Zon, toen hij het neervallen van de afgodsbeelden

60

ocr page 63

TWEEDE SMART.

61

vernam, zich naar die plaatsen spoedde om van dat wonderbare leit getuige te zijn. Hij zag bij die gelegenheid het Goddelijk Kind in de armen van Maria en werd door zulk een gevoel van diepen eerbied en heilige huivering' aangegrepen, dat hij zich op do knieën wierp, het Kind als God aanbad en tot het aanwezig volk zeide: „Zoo Deze niet de God van onze goden ware, zouden zij zich niet voor Hem nederwerpen, en zoo wij niet hetzelfde deden, zouden wij dezelfde straf beloopen, welke over Pharao is ■gekomen.quot; Later werd hij door den H Paulus gedoopt en stierf, als Bisschop van Beziers in Frankrijk, in den ouderdom van honderd en een jaar, tegelijk mot zijne medegezellen Caralippus, Ag-apitus en Eusebius den marteldood.

ocr page 64

ACHTSTE FEBRUARI.

Tweede Smart.

Vierde Verhandeling. De terugkeer uit Egypte.

De tijd der ballingschap, door den hemelschen Vader vastgesteld, spoedde ten einde. De profetie van Osee ging in vervulling': „Uit Egypte heb ik Mijnen Zoon teruggeroepenquot;. Meer dan haar voorgeslacht in de gevangenschap te Babyion, verlangde Maria naar haren dier baren geboortegrond, door God aan hare voorvaderen geschonken, waar Jehova zoovele wonderwerken had gewrocht voor Zijn uitverkoren volk, en de Profeten de toekomst hadden voorspeld. Vurig vooral begeerde Zij naar den tempel van Jeruzalem, waar alleen den eenig waren God geofferd mocht worden. Zij versmachtte van verlangen naar de voorhoven des Heeren. In hare jeugd toch had Zij slechts ééne begeerte gekoesterd: te mogen wonen in het huis des Heeren al de dagen haars levens, ome tijd der ballingschap, door den hemelschen Vader vastgesteld, spoedde ten einde. De profetie van Osee ging in vervulling': „Uit Egypte heb ik Mijnen Zoon teruggeroepenquot;. Meer dan haar voorgeslacht in de gevangenschap te Babyion, verlangde Maria naar haren dier baren geboortegrond, door God aan hare voorvaderen geschonken, waar Jehova zoovele wonderwerken had gewrocht voor Zijn uitverkoren volk, en de Profeten de toekomst hadden voorspeld. Vurig vooral begeerde Zij naar den tempel van Jeruzalem, waar alleen den eenig waren God geofferd mocht worden. Zij versmachtte van verlangen naar de voorhoven des Heeren. In hare jeugd toch had Zij slechts ééne begeerte gekoesterd: te mogen wonen in het huis des Heeren al de dagen haars levens, om

ocr page 65

ÏWKEDB SMART.

'sHeeren liefelijkheid te genieten en Zijnen tempel te bezoeken. Ook de banden des bloods trokken haar. Zij had zoovele zalige dagen gesleten in het huis van hare nicht Elisabeth. In het oord der ballingschap waren hare bloedverwanten dubbel dierbaar geworden aan haar edel hart. Eindelijk sloeg het uur der verlossing. Als Herodes, de kindermoorder, gestorven was en met zijn leven ook zijn troon en kroon verloren had, die aan zoovele duizenden het leven gekost had, verscheen do Engel dos Hoeren in Egypte aan Jozef in den slaap, zeggende : „Sta op, neem het Kind en Zijne Moeder met u en trok naar liet land van Israël ; want gestorven zijn zij. die het Kind zochten te doodenquot;. Met meer blijdschap dan de Joden in Babyion het bevolschritt van den Perzischen koning Cyrus vernamen, oni op te trokken naar Jeruzalem en liet huis te bouwen van Jehova, den God van Israël, ontvingen Maria en Jozef het bevel van den Gezant dos hemels.

De welkome opdracht werd dan ook aanstonds ten uitvoer gebracht. Evenwel, vergaten zij hunne goburen en weldoeners niet. Uit beleefdheid eu dankbaarheid riepen Zij hun allen een hartelijk vaarwel toe. Eenige Egyptische vrouwen nu, die zich, om den minzamen en heiligenden omgang dier Familie, bijzonder aan de zoetaardige Maagd en haar goddelijk Kind gehecht hadden, drongen er op aan

ocr page 66

«4

den afreizenden uitgeleide te doen. De toebereidselen voor den terugtocht waren spoedig gemaakt. De inboedel van onze arme bannelingen was zoo gering. Door het Nijdal voortgaande sloegen Zij de richting in naar de woestijn van Bersabee. Het H. Evangelie, zegt Cliam-peau, zwijgt over de gebeurtenissen van deze reis; maar eenige vrome legenden verhalen dat alle schepselen, ieder op zijne wijze hunne vreugde, bij den doortocht van den jeugdigen Koning, te kennen gaven over Zijne terugkomst. De dieren in den omtrek sprongen op van blijdschap; de vogels fladderden al zingend heen en weder of lieten hun schoonste lied hooren ; de boomen bewogen zich of bogen op eerbiedige wijze hunne toppen; de wind blies zachter, en de zon bekroonde dit tafereel met een stroom van gulden stralen; Maria en Jozef trilden van vreugde en zongen Sions zielroerende zangen. Gelijk Mozes, bij den wondervollen uittocht door de Roode Zee, hieven Zij hun zegelied aan : „Laat ons den Heer lof-zingen : want Hij heeft Zijne heerlijkheid en Zijne macht getoond; de Heer is mijn sterkte en het voorwerp mijner lofprijzing. Hij, de God mijner vaderen, en ik zal Hem hoog verheffen; Uwe rechterhand, o Heer'. heeft onzen vijand verslagen ; wie is aan U gelijk in macht! wie gelijk aan U, zoo hoog verheven in heerlijkheid, wie verschrikkelijk als Gij en lofwaardig, om

ocr page 67

TWEEDE SMART.

de wonderen, die Gij werkt ? Gij hebt Uwe hand uitgestrekt en onze vijand lag ter aarde; in Uwe barmhartigheid waart Gij onze aanvoerder naar Uwe heilige woonstede.

Evenwel, al was het gemoed lichter, al waren er minder gevaren te duchten dan bij de vlucht, al bracht elke schrede het H. Drietal nader tot den dierbaren geboortegrond en Jeruzalems heiligen tempel, bleven toch bezwaren en moeilijkheden hun ook nu niet gespaard. De terugtocht immers werd aanvaard in het voorjaar, in de maand April, gedurende den oogsttijd, waarin de zon zoo hoog gestegen is en zulk een verzengenden gloed verspreidt, dat de karavanen slechts bij nacht de verschrikkelijke woestijn kunnen doortrekken. De reizigers bedienen zich dan van draagvuren, om de goede richting in het oog te houden. Maar onze terugkeerenden waren niet genoeg bemiddeld, om Zich de noodige brandstoffen voor zoodanige verlichting aan te schaffen. Er bleef Hun derhalve niets over, dan bij kleine dagreizen, onder de brandende hitte der zon, hunnen weg door die woeste streken afteleggen. Een ander bezwaar, wat de moeilijkheid van deze reis niet weinig vergrootte, was de leeftijd van het Goddelijk Kind. Het had nu den ouderdom van zeven jaren bereikt. Het was alzoo te groot, om gedragen te worden en te klein, om dien moeilijken tocht geheel te voet te volbrengen. Wanneer dan haar

65

.

5

ocr page 68

MATER DOLOROSA.

66

Goddelijk Kind van vermoeienis en afmatting ter aarde nederviel, schoot Maria toe, ofschoon zelve uitgeput van kommer en ontbering, om Het op te nemen en op haren schoot te laten uitrusten. Zóó ging het dagen achtereen, totdat Zij kwamen aan de grenzen van hun land, bij de stad Gaza, Met heilige geestdrift heeft Maria den voet gezet op den vaderlandschen bodem, zoo dierbaar aan haar hart, op dien grond beroemd door Jehova's wonderwerken en die straks het zoenbloed van haar Goddelijk Kind zal drinken. Eene vurige dankzegging stseg van hare lippen tot den hemelschen Vader, die de macht der vijanden verbroken en de Zijnen in veiligheid had teruggebracht. Aanvankelijk was het plan van den H. Jozef, wien het als hoofd van het Gezin toekwam eene woonstede uit te kiezen, zich te vestigen te Bethlehem in Judea. Maar vernomen hebbende dat Archelaüs, de nieuwe vorst, even wreed en moorddadig was als zijn vader Herodes, vreesde hij zich daarheen te begeven. Nieuwe onlusten te Jeruzalem mochten eens het leven van zijn Goddelijk Pleegkind in gevaar brengen. Daarom besloot hij niet door het binnenland te reizen, maar zijnen weg langs de zeekust te vervolgen. De Engel Gods kwam in den nacht zijn voornemen bekrachtigen. Het dierbaar Nazareth in Galilea is het laatste doel van den langen pelgrimstocht. Het Heilig Drietal volgde den weg door het dal Sephala, langs

ocr page 69

tweede smaht. 67

de steden Askalon en Azot naar de beroemde zeestad Joppe. Nog wachtten onzen pelgrims twee dagen reizens; de eene langs den oever der zee tot Caesarea de andere tot Nazareth, door het gebergte van zuidelijk Galilea. De heerlijke natuur, waarin Zij zich op hunnen weg van Caesarea verlustigden, verhoogde de blijde stemming der bannelingen.

Het hooggeprezene dal toch van Saron met zijne witte en roode rozen, met zijne leliën, tulpen, narcissen en hyacinten, gold als de bloementuin van Palestina. Door het dal van bloemen kwamen zij eindelijk tot de stad dei-bloemen, Nazareth, opdat in Jezus vervuld zoude worden, wat door de Profeten voorspeld was; „Hij zal Nazareër genoemd worden.quot;

Oefening van Deugd. Het leven beschouwen als een pelgrimstocht, omdat wij bier geene blijvende woonplaats hebben, en steeds het oog gericht houden op de toekomstige, die Jezus ons in Zijns Vaders huis bereid heeft.

Schietgebed. Heer, mijn God! geleid mijne schreden op het pad der deugd, opdat ik niet afwijke noch ter rechter- noch ter linkerzijde. Amen.

Voorbeeld.

Eene liefelijke voorstelling van den terugkeer uit Egypte geeft ons de H. Bonaventura. „Keer

ocr page 70

MATER DOLOROSA.

68

terug naar Egyptequot;, zoo vermaant onze Heilige op zachtzinnige wijze, „om er het Kind Jezus te zoeken ; licht vindt ge Het te midden van andere kinderen ; maar Het is beminnelijk en aanvallig. Gij knielt dan neder, kust Het de voeten en houdt Het een wijle in uwe armen gesloten. Dan zegt Het u mogelijk ; „Wij mogen naar ons land terugkeeren en moeten morgen hier al vertrekken Gij komt jxxist van pas ; nu gaat ge met Ons mee!quot; Wanneer ge Het dan met opgewektheid hebt geantwoord, dat u dit innig verheugt, en dat gij Het, waar Het ook ga, wenscht te volgen ... dan zal Het u bij Zijne moedor brengen en Haar vriendelijk groeten. Kniel dan neder en breng Haar en den heiligen grijsaard Jozef uwe hulde, en rust wat bij hen uit.quot;

ocr page 71

1

NEGENDE FEBRUARI.

Derde Smart.

Eerste Verhandeling. Het Paaschfeest.

In het armoedige en stille huisje van Nazareth hadden Jozef en Maria hunnen intrek geno men. Onder hunne zorgen groeide het Goddelijk Kind op, en werden Zijne krachten vermeerderd. Waarlijk mensch zooals wij, wilde de Heiland als een klein kind geboren worden en in Zijn groei aan de wetten der mensthelijke natuur onderworpen zijn. Jehova vond geen behagen meer in brand- en zoenoffers, daarom had Hij Zijnen Zoon een lichaam gegeven tot slaclitoffer voor de zonden der wereld. Hoe meer nu het heilig lichaam des Heeren ontwikkelde, des te meer werd het geschikt en als geëigend voor de vele slagen en wonden, voor de ontelbare striemen, waardoor wij genezen moesten worden.n het armoedige en stille huisje van Nazareth hadden Jozef en Maria hunnen intrek geno men. Onder hunne zorgen groeide het Goddelijk Kind op, en werden Zijne krachten vermeerderd. Waarlijk mensch zooals wij, wilde de Heiland als een klein kind geboren worden en in Zijn groei aan de wetten der mensthelijke natuur onderworpen zijn. Jehova vond geen behagen meer in brand- en zoenoffers, daarom had Hij Zijnen Zoon een lichaam gegeven tot slaclitoffer voor de zonden der wereld. Hoe meer nu het heilig lichaam des Heeren ontwikkelde, des te meer werd het geschikt en als geëigend voor de vele slagen en wonden, voor de ontelbare striemen, waardoor wij genezen moesten worden.

De Goddelijke Knaap verlangde toen reeds vurig naar de verzoening van den Vader en de verlossing des menschen. Van jaar tot jaar zag Hij

ocr page 72

MATER DOLOROSA.

reikhalzend uit naar het doopsel, dat in Zijn Bloed voltrokken zou worden, en waartoe de onmetelijke liefde van Zijn hart Hem perste.

Met de ontwikkeling Zijns liehaams hield de vooruitgang van Zijnen geest gelijken tred. Mot den groei Zijner gestalte nam Hij ook toe in wijsheid. Niet alsol' de maat Zijner kennis en wetenschap werd aangevuld, daar de gansche volheid der Godheid lichamelijk in Hem woonde, maar in dien zin, dat Hij Zijne wijsheid hoe langer hoe meer aan de wereld openbaarde. Of zal de Verlosser Maria en Jozef onkundig gelaten hebben in hetgeen Hij in latere dagen aan de Emmaüsgangers openbaarde, wanneer Hij hen, beginnende met Mozes en verder al de Proleten behandelend, de schriftuur uitlegde in alles, wat over Hem geschreven stond ?

Bovendien, wat de Heiland wist als God, kon Hij ook als Godmensch proefondervindelijk waarnemen De rijke natuur van Nazareth was voor Hem liet boek van Zijnen hemelschen Vader, waarin Hij Zich voor Zijn toekomstig apostolaat bekwaamde. Daar toch bewonderde Hij de pracht van de leliën des velds, daar beschouwde Hij in het voorjaar den vijgeboom in vollen bloei en vruchtbaarheid. Daar zag Hij het koren rijpen en den wijnstok, tot meerder wasdom, besnoeien. Voor Zijne oogen werden daar de afgedwaalde schapen naar den schaapstal teruggebracht. Daar was Hij getuige, hoe de jakhals schuchter naar

70

ocr page 73

DBEDE SMAKT.

ftjn zijn hol wegvluchtte, en hoe de adelaars en do

de roofvogels elkander don buit betwistten. Daar vernam Hij het gebruis der stroomen, die buiten

de hunne oevers traden, om de slechtgebouwde

Wet huizen van den zandgrond weg te spoelen. Daar

in bespeurde Hij in het morgen- en avondrood de

on kalmte on don storm. Daar bestoog Hij de top-

' Ol- pen der borgen om Zijn toekomstig arbeidsveld

ido, te overzien en den hemelschon Vader voor het

lioe welslagen Zijner zending te bidden. Verlustig

Of u Hem daar te aanschouwen, liggende op Zijne

ge- knieën, met saamgevouwen handen, het gelaat

;eii ten hemel gekeerd.

eer Met Zijn leeftijd en wijsheid nam de Zaligde maker ook toe in behaaglijkheid bij God en bij in de menschen. Aan do innerlijke genade beantwoordde do uiterlijke aanvalligheid. Koning David on had het voorspeld, dat Hij de schoonste zoude w- zijn onder de kinderen der menschen. Passend or voorzeker was het, dat de Godmonsch naar lichaam 3r, ] en ziel de hoogste volmaaktheid bezat, en dat de Lat s lichanielijke schoonheideen spiegel was van Jezus' ht innerlijke heiligheid. Beschouwt daar het ideaal lij van een twaalfjarigen knaap Uit zijne oog'on P-n schittert de wijsheid, op Zijn voorhoofd zetelt 3n de vrede. Elk Zijner trekken getuigt van min-n. zaamheid en goodortierenheid. Over geheel zijn :1e wezen ligt de majesteit der Godheid zichtbaar ar uitgespreid. De homelsche genade spreekt uit ar ieder Zijner woorden en uit elk Zijner daden.

ocr page 74

MATME DOLOROSA.

En niets van dat alles ontgaat het scherp toeziende moederoog van Maria. Bij het aanschouwen van den aanvalligen, wonderschoonen Knaap geraakt haar hart in verrukking en vervoering. Maar hare rechtmatige vreugde is op verre na niet onvermengd. Wat toch zal er van die bovenaardsche schoonheid eenmaal geworden ? Dat gezegende voorhoofd, Maria weet zulks, zal later gedekt worden door een kroon van ruwe doornen. Dat aanminnige gelaat, waarin de Engelen des hemels zich verlustigen, zal wreedelijk geslagen en schandelijk bespuwd worden. Die oogen, welke Haar zoo teeder aanstaren, moeten eenmaal met bloed en stof bezoedeld worden. In de handen, die Haar lief-koozen, ziet Zij nu al do grove nagelen steken, welke Hem aan het Kruis zullen hechten Dat heerlijke lichaam, gevormd door den H. Geest, waant Zij thans reeds verscheurd en verbrijzeld, zonder vorm of gedaante, een aardworm en geen mensch. In die gestalte toch zou haar Kind een welgevallig zoenoffer worden voor de oogen van den hemelschen Vader.

Inderdaad, die zonnige dagen van Nazareth werden al te zeer verduisterd door de sombere wolken, welke zich boven den Calvarieberg samenpakten.

Weinig echter vermoedde Maria den gevoeli-gen slag, die boven haar hoofd hing. Driemaal in liet jaar waren de Joden verplicht op te gaan

72

ocr page 75

DERDB SMAKT.

rp naar den Tempel, om Jehova te aanbidden. Met n- het Paasch feest, ter herinnering aan den uiten tocht uit Egypte; met het Pinksterfeest, ter ïr- gedachtenis aan de wetgeving op Sinaï; en op met het Loofhuttenfeest, tot dankzegging voor m de weldaden op hun zwerftocht ontvangen, ir- Wanneer dan alle strijdbare mannen hunne et haardsteden verlaten hadden, hield de Heer dor m heerscharen, als trouwe wachter, de vijandelijke it, legers van Israels grenzen verwijderd, n. Ijverig beoefenaar der wet, ging Jozef elk 'd jaar naar Jeruzalem, om de feesten der wet te n- vieren. De bloedtooneelen van Archelaüs mogen e- al voor-zijne verbeelding oprijzen : als God roept, f- moet de vrees voor de menschen wijken. Maria, q, steeds gewoon meer te doen dan de. strenge it plicht van Haar vorderde, vergezelde haren t, ! heiligen bruidegom, de verhevene Dienstmaagd 1, des- Heeren bleef steeds eene nederige en ge-n i trouwe echtgenoote. Voor de eerste maal zien wij n ' den twaalfjarigen Jezus ter wille van het aanstaan-n de Paaschfeest, in hun gevolg. Hij had nu den leeftijd bereikt, waarop de jeugdige Israëlietin li de kerkelijke gemeenschap werd opgenomen en e zich verbond om do voorschriften der Wet stipt i' te volbrengen.

Ziet daar het H. Drietal voortschrijden over de bergen en door de dalen van Galilea naar

,1 Jude.a. Verneemt de verzuchtingen, die over

73

i hunne lippen komen : „Gelijk het hert verlangt

l

ocr page 76

MATER DOLOROSA

naar do frisschc waterbronnen, zoo verlangt mijn ziel naar U, o God! Mijne ziel verlangt naar den levenden God; wanneer zal ik staan en verschijnen voor het aanschijn des Heeren'? Mijne tranen zijn dag en nacht mijne spijs, omdat ik wegkwijn van liefde tot de voorhoven van Jehova. Waarom zijt gij bedroefd, mijne ziel, en waarom ontstelt gij mij, want ik zal opgaan tot den wondervollen tempel, tot het huis van God. En mijne stem zal jubelen in God, mijn heilquot;.

Er is reden tot groote blijdschap en hooggestemde feestvreugde. Onze pelgrims toch gaan het Paasehfeest vieren, het behoud hunner eerstgeborenen herdenken en de verlossing uit Egypte. Maar voor den verlichten geest en hot fijngevoelige hart van Maria bestaat er ook reden tot groote droefheid. Is haar goddelijk Kind niet het waarachtige Paaschlam des Nieuwen Verbonds, hetwelk de stijlen van het Kruis rood zal verven door Zijn Bloed, om het sla-venvolk van Adam te bevrijden uit de handen van den verderf-engel, den moordenaar van den beginne afquot;? Doch de Moeder van Smarten herhaalt in volle onderwerping aan den wil des hemelschen Vaders: „Zie de dienstmaagd des Heeren, mij geschiede naar Uw woord.quot;' Het zwaard van Simeon mag hare ziel doorboren; het offer, bij de opdracht, van haar Kind in den tempel gebracht, gaat Zij met heldenmoed hernieuwen.

74

ocr page 77

DBRDB SMART.

igt Oefening van deugd. In ons zei ven eene

igt groote verknochtheid aan onze Moeder de H.

an Kerk opwekken, om hare geboden, vooral het

sn? vieren van den Zondag en het onderhouden

m- der vastendagen, stipt te volbrengen,

an Schietgebed. Heer, stel mij Uwe wet als den

en weg der gerechtigheid, en dat ik haar steeds

tot belevc. Amen.

)d.

1quot;, VOORKBBLD.

;o-

m Aan Joanna-Maria van het Kruis werd ge-

3t- openbaard, dat de H. Jozef, voor zijn afsterven,

lit de gunst bekwam ingewijd te worden in al de

et geheimen des lijdens van zijn Goddelijk Pleeg-

)k kind, op gelijke wijze als zulks geschied is met

ik meerdere Heiligen, die deelgenooten werden

ii- van een of meer smarten des Hoeren. In den

is geest van het H. Drietal kon slechts ééne ge-

i- ; dachte vooraan staan. Gelijk het laatste Paasch-

n i feest altijd voor Jezus' oogen zweefde, zóó stond

n het ook immer voor de verbeelding van Maria

n en Jozef. En Zij werden er levendig aan her-

!s innerd, telken male wanneer Zij opgingen naar

is Jeruzalem. Als Zij hunnen tocht voortzetten

!t over de heuvelen en door de valleien, langs de

; steile wegen van het gebergte, dan rees gesta-

ii dig de Calvarieberg met zijne drie kruisen, als

j het einddoel van hunne reis, voor hunne verlichte oogen in het verre verschiet.

75

1

J

ocr page 78

TIENDE FEBRUARI.

nzc pelgrims waren Jeruzalem, de bevoor

Derde Smart.

Tweede verhandeling. Jezus blijft te Jeruzalem achter

rechte stad van Jehova,, genaderd. Hun hart trilde van geestdrift en heilige vreugde. Opgaande naar den tempel zongen Zij in blijde verrukking: „Hoe beminnelijk zijn Uwe tabernakelen, Heer der heerscharen: mijne ziel verlangt vurig- en kwijnt weg van begeerte naaide voorhoven des Heeren. Uwe altaren, mijn God en mijn Koning, zijn mijn verblijf en mijne rustplaats. Zalig- zij die wonen in Uw huis, o Heer; in de eeuwen der eeuwen zullen zij Uw lof zingen. Want één dag- in Uwe voorhoven geldt boven duizenden daarbuitenquot;. In den tempel gekomen hieven zij den opwekkonden Psalm van koning- David aan : „Ik was verheugd dat tot mij gezegd werd: wij gaan op

ocr page 79

DBRDB SMART. 77

naar het huis des Heeren! onze voeten staan in uwe voorhoven, o Jeruzalem! Jeruzalem, gij goed gebouwde stad, die uwe schatten voor allen openstelt; daarheen toch trekken de stammen des Heeren, tot u, Israels getuigenis, om den Naam des Heeren té lovenquot;. Die lof van Jehova nu bestond voornamelijk in het offeren van het Paaschlam, in de vo irlezing van de Wet en de Profeten en in verschillende gebeden voor Israels verlossing'.

De duizenden pelgrims evenwel, van alle oorden des lands toegestroomd, vermoedden niet dat hunne gebeden verhoord waren, dat de hemelen gedauwd en de wolken den Rechtvaardige geregend hadden. De groote Profeet, aan Mozes gelijk, die de Wet ging vervolmaken, stond in

b. hun midden, en zij kenden Hem niet. Het waar-

'e achtig Paaschlam droeg Zich reeds op aan den

r- hemelschen Vader, en zij waren er onkundig

r- van. Maar Maria wist dat het geheele Ceremo-

,r nieel in den tempel geschiedde ter voorafbeelding

n van den aanstaanden dood van haar Kind. Voor

n hare oogen werd Hij daar gedood in do lamme-

v ren, geslacht in de runderen en opgedragen in

ii de verschillende offers. In den geest aanschouwde

Zij haren Zoon als gewond om onze ongerech-:i tigheden, verbrijzeld om onze misdaden en ver

morzeld om de zonden van Zijn volk. In dien feilen weedom haars harten schreide Zij toon vele

3 heete tranen. Doch nog feller smart wachtte Haar.

ocr page 80

MATER DOLOROSA.

De Rechtvaardigen beginnen niet slechts het goede werk, maar voltooien het ook. Er mochten aan een langdurig verblijf in Jeruzalem, vooral bij den toeloop van zoovele duizenden, groote bezwaren en vele opofferingen verbonden zijn, de H. Familie dacht aan geen huiswaarts keeren, eer het feestoctaaf vervuld was.

In aanbidding en dankzegging, in versterving en smeeking brachten Zij hunne dagen door. Zij waren zoo recht op hunne plaats in den tempel des Heeren. Het was hun zoo goed daar te zijn en zij begeerden zoo vurig er voor immer hunne woontent te bouwen. Doch dit lag niet in het plan des Heeren. Als de Paaschfeesten gesloten waren, keerden Zij terug naar Nazareth, maar het Kind Jezus bleef in Jeruzalem achter ; en Zijne ouders wisten het niet. Mag men hier aan zorgeloosheid van hunnen kant denken V Volstrekt niet; want het was bij de Joden gebruikelijk, als zij naar Jeruzalem ter feestviering opgingen, of van de heilige stad naar hunne haardsteden terugkeerden, bij afdeelingen te reizen, de mannen gescheiden van de vrouwen: terwijl het den kinderen vrijstond zich, bij dezen of genen, naar verkiezing, aan te sluiten. Ieder voor zich kon derhalve vermoeden, dat Jezus Zich bij het andere reisgezelschap had aangesloten. Maar kon Maria, de Moeder der reine liefde, gescheiden leven van Jezus, den schat haars harten, haar God en haar Al ? De teeder-

78

ocr page 81

DERDE SMART.

iej; minnende Moeder is ook de kloeke Vrouw, die en 'iet verkeer met haren veelgeliefden Zoon een •al wijle weet te ontberen, om den Voedsterva-itc der, haren Bruidegom, de zoetheid Zijner tegenin, woordigheid te laten genieten. Do liefde is niet m, zelfzuchtig, als anderen heilige vreugde en geestelijk voordeel ten deel vallen. Bovendien werd ig- haar geest op den terugtocht met hooger licht I,- bestraald en haar hart met buitengewone zoet-ii- heid vervuld, zooals de H, Geest pleegt te doen te wanneer Hij voor Zijne uitverkorenen een zware ;r beproeving bereidt. Jezus wilde Zijne Moeder et door eene kortstondige scheiding voorbereiden n voor den vreeselijken slag, die Haar eenmaal !, zoude treffen, wanneer Hij Haar voor goed ging •; verlaten. Daarom liet Hij de karavanen vertrek-lr ken en bleef opzettelijk te Jeruzalem achter. ? Bij de aankomst der eerste rustplaats, waar gt;_ gewoonlijk overnacht werd, haastte Maria zich d' den H. Jozef op te speren, om zoo spoedig mo-e | gelijk haar Kind terug te zien en te omhelzen, c Haar hart klopte van verlangen, en haar oog : zag zoekend rond. Daar bespeurde Zij den H. ! Jozef, die uit de scharen Haar te gemoet trad. r Welk een teleurstelling! Jozef was alleen! Het 5 Goddelijk Kind was niet bij hem! „Waar is Jezus?quot; vroeg Maria nu; en Jozef antwoordde; . „Ik weet het niet, Hij is met mij niet meege-; komen, ik dacht dat Hij met U teruggekeerd wasquot;.

Maar zonder hunne voorkennis en toestem-

79

ocr page 82

MATER DOLOROSA.

ming had Hij hunne zijde inoit verlaten. Hij ( j^j

was altijd zoo trouw volgzaam, Hij zal Zich ; jjjj

zeker bij de bloedverwanten en do bekenden ■ jec bevinden! Zoo hoopten de angstige Ouders, ;

maar een geheim voorgevoel liet het tegendeel (j(v

vreezen. Zonder dralen werd het onderzoek i m; ingesteld. Bij dezen vroeg- Maria met de Bruid

van hot Hooglied : , Hebt gij Hom niet gezien, j w[

die mijne ziel liet' heeft ? Bij genen klaagde Zij j te

met Ruben; ,Mijn Kind verschijnt niet, en we

waarheen za! Ik gaan.quot; Bij anderen treurde i fiei

Zij : „Het liclii mijner oogen, mijn veelgeliefde 0f[

Jezus, is niet bij Mij, waar zal Ik Hem vinden? (^0

IJdel vragen, vruchteloos zoeken! Dan jj.

wendde Zij zich in den geest tot haar Godde- i -y

lijk Kind; ,0 mijn Kind, de schat mijns har • se]

ten, toon mij toch de plaats, waar Gij U be- ; aa

vindt, opdat Ik ophoude te dwalen en te i gij

zwervenquot;. Geen antwoord. — Jezus is dan : ]ie

vermist, Zij hadden alzoo hun dierbaav pand va

verloren ! Overstelpt van droefheid smolt Maria | sc]

in tranen weg. Bethlehems bergtoppen mochten I z0 weerklinken van het gehuil en geschrei van

llachel, die hare kinderen beweende, omdat zij ii ec

niet meer waren : nooit zullen zij het gewicht ; pj,

en de diepte van Maria's onvergelijkelijke smart jj weergeven. Bijzondere omstandigheden ook j

maakten deze smart pijnlijker voor Maria dan i u de vorige. Bij de profetie van Simeon toch en op de vlucht naar Egypte, was haar Goddelijk

80

ocr page 83

DERDE SMART.

Kind altijd bij Haar. De Zoon deelde de kwelling en de verdrukking' Zijner Moeder. Thans leed Zij zonder Zijne vertroostende on opbeurende tegenwoordigheid. Daarom sprak Zi j met den Profeet Jeremias; „Ik ben schreiende, en mijne oogen zijn vervuld van tranen, omdat de Vertrooster verre van Mij is.quot; Bovendien wist Zij zich bij de eerste smarten rekenschap te geven van haar lijden. De verlossing der wereld en de vervulling van de raadsbesluiten des hemelschen Vaders vorderden die pijnlijke offers. Nu echter kon Zij de reden en het doel van Jezus' verwijdering' niet achterhalen. Daarom herhaalde Zij met den grijzen Tobias: „Welke vreugde rest Mij, die in de duisternissen ben gezeten en het licht des hemels niet aanschouwquot;. In hare diepe nederigheid achtte Zij zich onwaardig het kostbaarste pand des hemels langer te bezitten ; want het is den rechtvaardige eigen zich zeiven aan te klagen en schuld te vreezen, waar zelfs de schijn van zonde niet bestaat.

Oefening' van deugd: Met don grootsten eerbied en de diepste godsvrucht de kerkelijke plechtigheden bijwonen, vooral de offerande der H. Mis.

Schietgebed. Lieve Jezus! laat ik nooit van U gescheiden worden. Amen.

81

ocr page 84

mates dolorosa.

Voorbeeld.

Op zekeren keer gaf de gelukzalige Bonve-mita de Bonajo aan de H. Maagd het verlangen te kennen met Haar in het lijden van deze groote smart te mogen deelen. Daarop verscheen Maria haar met het Goddelijk Kind in de armen. Als nu onze Heilige, met onuitsprekelijke blijdschap, het verrukkelijk schoone Kind aanschouwde, werd het visioen eensklaps aan hare oogen onttrokken. Daarover gevoelde zij zoo g'roote kwelling, dat zij de H. Maagd bad haar toch niet van droefheid te laten sterven. Na drie dagen verscheen haar weder do Moeder des Heeren en zeide haar: „Bedenk wel, mijne dochter, dat uwe smart slechts de schaduw is geweest van mijn lijden over het verlies van mijn Kind.quot;

82

ocr page 85

ELFDE FEBRUARI.

Dkrdb Smart.

Berde Verhandeling. Het zoeken naar Jezus.

Het zoeken onder de bloedverwanten en de bekenden was zonder gevolg- gebleven. Daarom sprak Maria: „Ik zal opstaan en in de stad omgaan ; in de wijken en op de straten zal ik Hem zoeken, dien mijne ziel lief heeftquot;. Hare nabestaanden wezen Haar te vergeefs op den invallenden nacht met zijne duisternissen, op hare vermoeienis en uitputting; zonder Jezus kon Zij geen rust genieten, geen vrede smaken. Hare ziel was beangst en bedroefd tot den dood. zooals zij sedert hare geboorte nooit geweest was. Maar van waar zooveel bezorgdheid en bekommering ? Wist Maria dan nier, dat haar Kind God was ? Zij behoefde derhalve niet beducht te zijn, dat Jezus verloren geraakt was. Voorzeker niet. Doch was hare vrees nietet zoeken onder de bloedverwanten en de bekenden was zonder gevolg- gebleven. Daarom sprak Maria: „Ik zal opstaan en in de stad omgaan ; in de wijken en op de straten zal ik Hem zoeken, dien mijne ziel lief heeftquot;. Hare nabestaanden wezen Haar te vergeefs op den invallenden nacht met zijne duisternissen, op hare vermoeienis en uitputting; zonder Jezus kon Zij geen rust genieten, geen vrede smaken. Hare ziel was beangst en bedroefd tot den dood. zooals zij sedert hare geboorte nooit geweest was. Maar van waar zooveel bezorgdheid en bekommering ? Wist Maria dan nier, dat haar Kind God was ? Zij behoefde derhalve niet beducht te zijn, dat Jezus verloren geraakt was. Voorzeker niet. Doch was hare vrees niet

ocr page 86

MATER DOLOROSA.

84

gewettigd, dat Hij wellicht weder ten Hemel was opgevaren, omdat de Zijnen Hem niet aangenomen hadden; of mogelijk had Hij hen verlaten, om elders dan te Nazareth te verblijven, daar geen Profeet in zijn vaderland geëerbiedigd werd. Waarachtig God, was Jezus ook waarlijk mensch ; kon het tijdstip van Zijn lijden niet vervroegd zijn ? Was Hij misschien niet gevallen in do handen van Archelaüs, den zoon van den kindermoordenaar Herodes ? Zuchtte Hij waarschijnlijk niet in een of anderen on-teerenden kerker ? En bovendien, al was de Heiland op vrije voeten, een twaalfjarige knaap, aan zich zeiven overgelaten, is zoo hulpbehoevend en staat aan zoovele ontberingen bloot. Bij al die angsten en kwellingen, die haar gemoed bestormden, h?od het moederhart van Maria rust noch duur. Alle vermoeienis voor niets achtend, begaf Zij Zich, aan de zijde van haren trouwen Bruidegom, onverwijld op weg naar Jeruzalem, om haren schat, het leven van haar leven te zoeken. In geheel andere gemoedsstemming had Zij, acht dagen geleden, toen Zij in blijdschap ter feestviering opging, dienzelfden weg betreden. Thans is Zij bedrukt van harte en bekommerd van gemoed. Was Zij vroeger in haast over het gebergte getrokken, om hare nicht Elisabeth, in de huishouding, de behulp zame hand te bieden; nu is haar gang nog sneller : wie weet hoezeer het Kind naar Zijne

ocr page 87

DBRDB SMART. 85

imcl Moeder versmactit, hoezeer Het hare hulp be-«in- hoeft! Wat valt de weg' haar lang! Bij al den hen 1 vereischten spoed mag Zij toch niet in overijlen, | ling te werk gaan. Zij ziet rond langs de toppen •bie- van het gebergte, doorvorscht dc dalen en ook | doorzoekt het kreupelhout en het struikgewas, iden 1 Daar ziet Zij Hem.... arme Moeder ! het is slechts niet i oen afgeknotte boomstam of een vooruitstekend loon i gedeelte van een bergtop, waarop uw oog valt. btte Maar hoort Zij daar geen gerucht, trel't geen on- i geluid hare ooren ? Voor hare voeten vlucht s de de jakhals schuchter naar zijn hol, en de op-aap, 1 geschrikte vogel vliegt dieper het woud in. hoe- Teleurstelling op teleurstelling is het lot dei-loot. i bedrukte Echtgenooten, die dobberend tusschen ge- 5 hoop en vrees hunnen doodschen weg naar Je-aria ruzalem voortzetten.

liets j Tegen den ochtend hebben Zij de Heilige

iren Stad bereikt. De gewillige geest om het onder-

laar zoek oogenblikkelijk verder voort te zetten was

laar i niet bestand tegen den aandrang van het zwakke

;em- vleesch, dat voor zich eenige noodzakelijke rust

ij in 1 vorderde. Na eene lichte sluimering — want

kien j de slaap wijkt uit de oogen van hen, wier hart

arte van droefheid overstelpt is ; al is ook het oog

3ger j gesloten, het hart blijft waken — richtten Zij

lare { hunne schreden naar den Tempel In het Imis

ulp \ des Heeren hoopten Zij hun verloren Lieveling

nog :■ terug te vinden. Maar Zij hadden den lijdens-

-ijne ;; kelk nog niet tot den bodem geledigd. Als Zij

y

ocr page 88

86 MATER DOLOROSA.

hunne hoop verijdeld zagen, smeekten zij: „Hoer, verlicht onze oogen en stel onze voeten op den rechten weg', die ons tot Jezus geleidt, versterk onze zwakke krachten, opdat Wij van uitputting niet bezwijkenquot;. Alle straten en pleinen werden afgeloopen, alle openbare gebouwen doorzocht. Allerwege werden naspu-ringen gedaan, overal inlichtingen gevraagd. De wachten der stad bleven het antwoord schuldig'. Maar die Jezus eenmaal gezien heeft, kan Zijne aantrekkelijke beeltenis nimmer meer uit het geheugen verliezen; de verrukkelijke schoonheid van mijn Kind, zoo dacht Maria, moet der voorbijgaande vrouwen opg'evallen zijn. Daarom vroeg' Zij : „Dochters van Jeruzalem, hebt gij Hem niet gezien, dien mijne ziel liefheeft ? Ik heb Hem gezocht en niet gevonden, Hem geroepen en geen antwoord bekomenquot;.

De antwoorden op hare vraag waren weinig bevredigend. Sommigen hadden al zooveel navraag naar vermiste kinderen gehoord, dat zij onverschillig' en zonder medelijden voorbij gingen. Eenigen gaven den goeden raad hier en ginds te zoeken ; alsof de bedrukte Ouders hun Kind niet reeds overal gezocht hadden. Anderen meenden goede aanwijzingen te kunnen verstrekken, maar de uitkomst beantwoordde niet aan hare inlichtingen. Zij hadden wel een wonder-schoonen knaap ontmoet, die zijn brood bedelde en het deelde met de aim en ; er was een kind

ocr page 89

1

DERDE SMART, 87

zij : gezien, dat op buitengewoon minzame wijze met

roe- een zieke gesproken en diens wonden verbonden

ge- had; maar of het haar kind was, en waar het

xlat gebleven was, wisten zij niet. Elke lichtstraal

ifen van hoop, die in Maria's hart nederdaalde, werd )are \ er door pijnlijke onzekerheid oogenblikkelijk uit

spu- verdreven. Daarom sprak Zij tot de belangstel-

igd. lende vrouwen: „Ik bezweer het u, zoo gij mijn

)ord Welbeminde vindt, zegt Hem, dat Ik wegkwijn jel't, i van lietdequot;. Bij de menschen geen trootst vin-

icer dende, wendde Maria Zich in een vurig gebed

ijke tot den hemelschen Vader: „0 God en Vader

iria, van alle eeuwigheid! Barmhartige en goeder-

llen tierene! Het heeft U behaagd Mij Uwen Zoon

iiza- te schenken, zie. Ik hel) Hom verloren, en Ik

ziel weet niet, waar Hij zich bevindt. O Vader voer

?on- Hem terug in mijne armen! Neem deze bittere

311quot;. kwelling en smartelijke foltering van Mij weg inig j en toon Mij mijn Zoon, want zonder Hem kan

na- Ik niet leven. Dan sprak Zij weer tot haar al-

; zij wetend Kind „Mijn veelgeliefde Zoon, waar

gin- toeft Gij ? Bij wien verwijlt Gij ? Maak Mij Uw

• en verblijf bekend; dan zal Ik tot U komen, of hun ! keer tot Mij terug.. . Mijn Kind heb Ik U in

iren iets beleedigd ? Waarom hebt Gij Mij verlaten ?

rek- 0 mijn Kind! Gij kent al de pijnen van het

aan hart Uwer Moeder, stel toch niet uit te verschij-der , nen ! 0 mijne hoop, mijn schat, het leven van Ride j mijn leven, zonder U zal ik het bestervenquot;. Het

dnd gebed van Maria werd ondersteund door het

ocr page 90

mater dolorosa

medelijden der Engelen, die onophoudelijk hunne vai smeekingen tot den hemelschen Vader opzonden, de Zich toch eindelijk over hunne Koningin te ont- bel fermen. -• En gij, mijne ziel, wees vervuld van hul medelijden jegens de Moeder van Smarten, en sm; leer van Haar, hoe Gij Jezus moet zoeken. lijli

Oefening van deugd. Jezus zoeken, zoodra wij all( Hem verloren hebben, en wel in een aanhoudend gebed.

Schietgebed. Heer! toon mij Uw aanschijn,

dan zal ik behouden zijn. Amen.

88

Voorbeeld.

In de zestiende eeuw leefde te Turijn eene religieuse van de Orde der Visitatie Johanna Benigna Goj os genaamd. Zij onderhield de innigste gemeenschap met haren hemelschen Bruidegom. Als zij de verschillende geheimen van Jezus' leven overwoog, gevoelde zij zich bijzonder getrokken zich met Hem te vereenigen in Zijne driedaagsche afwezigheid. Dit werd voor taan hare geliefkoosde bezigheid. De Zaligmaker nu, om haar te beloonen, openbaarde haar, dat deze derde smart Zijner Moeder Hem meer leed veroorzaakt had, dan al het lijden van Zijn verder leven. In die kwelling Zijner Moeder toch zag Hij reeds de smart, welke Zijn doodop Cal-varië in haar moederhart zou teweegbrengen. En gelijk op Calvarië Zijne marteling den dood

ocr page 91

1

DBRDB SMART.

89

van Maria ten gevolge zonde gehad hebben, als de Goddelijke Almacht Haar niet in het leven behouden had, zoo was er eene bovennatuurlijke hulp noodig' geweest, om Haar gedurende deze smart in het leven te bewaren. Waarlijk, ontzaglijk groot was deze smart van Maria, en Jezus alleen was in staat die te begrijpen.

ocr page 92

TWAALFDE FEBRUARI.

Derde Smakt.

Vierde Verhandeling. De terugvinding van het Kind Jezus in den tempel.

De Heilige kerkleeraar Ambrosius deze drie dagen van scheiding verklarende, zegt: „Dc eerste dag loopt van het vertrek uit Jeruzalem tot de eerste rustplaats, waar de. heilige Ouders te vergeefs hun Kind zochten onder de bloedverwanten en de bekenden; de tweede dag beslaat den terugkeer van de pleisterplaats naar Jeruzalem; de derde dag wordt ingenomen door het zoeken en het vinden van het Goddelijk Kind in den tempelquot;. Deze derde dag, de laatste van Maria's beproeving, was gekomen. Voor het aanbreken van den dag was Zij reeds opgestaan, de slaap ontweek hare rood bekreten oogen. Zij bad den Vader van alle licht en alle vertroosting, dat deze dag toch niet voorbij mocht gaan, zonder dat Zij haar Kind teruggevondene Heilige kerkleeraar Ambrosius deze drie dagen van scheiding verklarende, zegt: „Dc eerste dag loopt van het vertrek uit Jeruzalem tot de eerste rustplaats, waar de. heilige Ouders te vergeefs hun Kind zochten onder de bloedverwanten en de bekenden; de tweede dag beslaat den terugkeer van de pleisterplaats naar Jeruzalem; de derde dag wordt ingenomen door het zoeken en het vinden van het Goddelijk Kind in den tempelquot;. Deze derde dag, de laatste van Maria's beproeving, was gekomen. Voor het aanbreken van den dag was Zij reeds opgestaan, de slaap ontweek hare rood bekreten oogen. Zij bad den Vader van alle licht en alle vertroosting, dat deze dag toch niet voorbij mocht gaan, zonder dat Zij haar Kind teruggevonden

ocr page 93

DERDBf SMART. 91

had. Met wankelende schreden begaf Zij zich wederom naar den tempel, om haar hart voor den Heer uit te storten: „Heer der heerscharen! geef acht op mijne verdrukking en vergeet de zuchten Uwer dienstmaagd niet, zoo Gij mijn Zoon in mijne armen terugvoert, zal Ik Hem U op nieuw opdragen, Hem U andermaal toewijden voor geheel Zijn levenquot;. De hemelsche Vader toefde niet het gebed Zijner Dochter te verhooren.

De sombere wolken gingen wijken voor de blijde zon der vertroosting.

Onze bedrukte Moeder ging door de Oosterpoort den tempel binnen. In de nabijheid dier poort bevond zich de zaal der Schriftgeleerden en de hoogeschool der Synagoge, waar de Wet en de Profeten werden verklaard en toegelicht. Daarheen had Zicli de twaalfjarige Jezus begeven en was Hi j gezeten te midden der leeraars, hen hoorende en hen ondervragende. Hij wilde de uitspraak van den H. Geest in beoefening brengen : „Die wijs is, luistert naar goede besluitenquot;. Hij begeerde, ten voorbeeld voor de kinderen, de les van koning Salomon op te volgen: „Mijn kind, hoor naar de les uws vaders, dat zal u tot eer en glorie verstrekkenquot;. Zoo al vragende onderwees Hij ook met gepaste bescheidenheid de leeraren zeiven, die over de diepzinnigheid Zijner vragen en de grondige wijsheid Zijner antwoorden verbaasd stonden. In deze omgevinii'

ocr page 94

92 MATER DOLOROSA.

nu vond Maria haar Goddelijk Kind terug, en roi

ook Zij stond verwonderd. Een wedervinden vei

onder zulke omstandigheden had Zij niet kun- Wo

nen of durven vermoeden. De toon Zijner He

woorden getuigde van het zelfbewustzijn eens dilt;

machthebbende, en uit Zijne oogen straalde een tot

buitengewoon schitterend licht. In den geest in

aanbad Zij haar Goddelijk Kind en berustte cr he

in, dat Hij, de meester Zijner daden, die aan aa

niemand de minste rekenschap verschuldigd zo

was, zonder hare voorkennis Haar verlaten had. |ai

Maar toch, haar moederhart was in deze dagen de

zoo overstelpt van smart, dat Zij eene minzame H( klacht van teedere moederliefde over Zijn j in

achterblijven, zonder haar medeweten, niet weer- ge

houden kon. Buiten den tempel gekomen, zeide za Zij tot Hem: „Kind! waarom hebt Gij aldus

met Ons gedaan? Zie uw Vader en Ik zochten Oi

U mot droefheidquot;. Heilige klacht, waaruit blijkt, M

dat de gezegende Moeder des Heeren den in- sc

wendigen vrede en de berusting in de Voor G

zienigheid nooit verloren had. Haar moederschap zc

gaf recht tot die vraag, gelijk Jezus, als Zoon li(

van den hemelschen Vader, mocht uitroepen: h«

„O God, mijn God, waarom hebt Gij Mij ver- in

latenquot;. Ziet onze Moeder uitte die zoete klacht H

nog, toen Zij Jezus reeds gevonden had, en wij ni

drogen zoo spoedig onze tranen af, die wij M

storten over het verlies van Jezus, alsof niet gi

heel ons leven van diep schuldbesef en bitteren tc

i

ocr page 95

DBRDB SMART.

rouw vervuld moest wezen. Bewonderen wij verder den diepen ootmoed, welke, in Maria's woorden ligt opgesloten. Door den drang der liefde en door do felheid der smarten overweldigd, nam Zij het eerst het woord op. In liefde tot God ifiag' men gernstelijk iedereen voorgaan, in berouw vrijelijk allen overtreffen. Maar op het punt van eer gaf de Moeder den voorrang aan den Voedstervader: „Uw Vader en Ik zochten U met droefheidquot;. Slechts de nederigen kunnen den nederigen Heiland vinden. Alleen de kleinen worden tot Hem toegelaten. Wie bi j Hem de eerste wil zijn, moet de laagste plaats innemen. Aan de nederigen schenkt Hij Zijne genade, en al wie in ootmoed tot Hem komt, zal niet verstoeten worden.

De Goddeli jke Heiland gewaardigde zich zijnen Ouders rekenschap te geven Zijner handelwijze. Maar Zijne zelfverdediging zal te gelijk eene schitterende openbaring' behelzen: èn van Zijne Goddelijke afkomst èn van Zijne Goddelijke zending. Met de grootste minzaamheid en de liefelijkste teederheid, — want de Heer moet liet geknakte riet ophelpen en balsem storten in het bedrukte hart Zijner Moeder — sprak Hij : „Waarom zocht Gij mij ? Wist Gij dan niet, dat Ik Mij moest bezighouden met de zaken Mijns Vaders?'' De Zaligmaker wilde te kennen geven: „Was het wel noodig, lieve Moeder, Mij te zoeken? Gij weet toch, dat Ik van den Vader

93

ocr page 96

MATER DOLOROSA.

ben uitgegaan, en dat Hij zijne Engelen gelast heelt Mij te bewaken op al Mijne wegen, en Mij te dragen op hunne handen. Hij, die Mij gered heeft uit de handen van Herodes, weet Mij ook te bewaren voor de aanslagen van Archelaüs. Mijn uur is nog niet gekomen en'de-macht van den vorst der duisternis nog niet ingegaan. Voor eene korte wijl heb Ik Mij van U verwijderd, om U op de blijvende scheiding voor te bereiden. Zonder uwe voorkennis ben Ik achtergebleven ; maar met opzet heb ik aldus gehandeld : om U te leeren, dat Ik God meer moet gehoorzamen dan de menschen, en dat men, wanneer God roept, zelfs zijn vader en moeder moet verlaten. Wat betreft de groote zaak waartoe Ik gezonden ben door Mijnen Vader, daarin hang Ik ook alleen van Mijn Vader af. Veel en smartelijk hebt Gij geleden in deze dagen, maar niet Ik heb U dat lijden aangedaan; de oorzaak daarvan ligt in de liefde, die Gij Mij toedraagt, en in uwe onbekendheid met het geheim Mijner zending; uwe liefde is U een beletsel geweest, om U van hetgeen thans geschied is, rekenschap te gevenquot;. Doch Zijne Ouders begrepen het woord niet, dat Hij tot Hen sprak. Het bleef voor Hen verborgen, hoe die driedaagsche scheiding met Zijne zending in verband stond. Zij wisten niet, wanneer de Messias als openbaar leeraar moest optreden, noch ook, op wat tijdstip de Hoogepriester Zijn zoenoffer ging op-

ocr page 97

derde smart.

ast dragen. Uit eerbied echter voor Jezus onthielden

Mij Zij zich thans van alle verdere ondervragingen

red omtrent hetgeen door Hem bedoeld werd; maar

10k Zijne moeder bewaarde al deze woorden in haar

üs. hart; Zij overwoog-dezelve aandachtig en zonder

ran ophouden, wel wetende, dat hot woorden waren,

3or niet van een gewoon kind, maar van den Zoon

rd, Gods. En Jezus reisde met Hen af, want de

•oi- hemelsche Vader riep Hem naar Nazareth, om

n-e- den menschen de liefde tot hot verborgen leven

ld: in te prenten en een voorbeeld van onderda-

or- uigheid te geven.

3er Oefening van deugd. In nederigheid des har-

oct ton naar Jezus zoeken en als wij Hom gevonden

toe hebben, Zijne woorden in ons hart bewaren,

rin om daarmede vruchten voort te brengen in lijd-

CI1 zaamheid.

iar Schietgebed. Goddelijk Kind van Nazareth ! leer mij de gehoorzaamheid beoefenen. Amen.

8%

^r Voorbeeld.

!St,

ap Pater Faber verhaalt volgens de levensge-

let scliiedenis van sommige Heiligen, dat Jezus, in

3ef' Zijne driedaagsche verwijdering, van dour tot

ei. deur Zijn brood gebodold heeft, om nog grootere

gij armoede te beoefenen dan te Nazareth. Van het

,ar overtollige gat Hij dan nog aalmoezen aan de

jd- armen. Ook had Hij aan de rijken Zijnen dienst

,p. aangeboden en woorden van Hemelsche goed-

J

95

ocr page 98

96 MATER DOLOROSA.

heid tot hen gesproken, om ze tot God te trekken. Oes nachts sliep de Zaligmaker onderden blooten hemel tegen de gevels der huizen.

De, aarde toch kon moeilijk eene rustplaats weigeren aan Hem, die haar uit het niet te voorschijn geroepen had. Zoo wilde de Schepper van het heelal, die Zijne hand opent en elk schepsel met zegeningen overlaadt, 'verstoken van de teedere zorgen Zijner Moeder, als een arme bedelaar van twaalf jaren, allerlei ontberingen doorstaan. Do verschillende tijdperken van Zijn leven moesten het zegel van Zijn lijden dragen.

ocr page 99

DERTIENDE FEBRUARI.

Vierde S.mart.

Eerste Verhandeling-, Betlianië

Tusschen de derde en de vierde smart onzer bedroefde Moeder ligt een tijdsverloop van een en twintig' jaren, waarin de Zaligmaker een verborgen leven van achttien jaren en een openbaar leven van drie jaren leidde. Tot voorbeeld der kinderen wilde Je^us achttien jaren lang de gehoorzaamheid en de onderdanigheid beoefenen. „Ik weet nietquot;, zegt de H, Bernardus, „wat meer te bewonderen: de nederige gehoorzaamheid van den Zoon of de verhevene waardigheid der Moederquot;. Aan beide zijden ontwaren wij een zeldzaam wonder: een God, die aan eene vrouw gehoorzaamt, kenschetst eene nederigheid zonder wederga; eene vrouw, die aan God hare bevelen geeft, eene waardigheid zonder vergelijkquot;. Ook Zijnen Voedstervader heeft de Zaligmaker in het nederig dienstwerk bijgestaan. Hij, die Zijne hand opent en elk schepselusschen de derde en de vierde smart onzer bedroefde Moeder ligt een tijdsverloop van een en twintig' jaren, waarin de Zaligmaker een verborgen leven van achttien jaren en een openbaar leven van drie jaren leidde. Tot voorbeeld der kinderen wilde Je^us achttien jaren lang de gehoorzaamheid en de onderdanigheid beoefenen. „Ik weet nietquot;, zegt de H, Bernardus, „wat meer te bewonderen: de nederige gehoorzaamheid van den Zoon of de verhevene waardigheid der Moederquot;. Aan beide zijden ontwaren wij een zeldzaam wonder: een God, die aan eene vrouw gehoorzaamt, kenschetst eene nederigheid zonder wederga; eene vrouw, die aan God hare bevelen geeft, eene waardigheid zonder vergelijkquot;. Ook Zijnen Voedstervader heeft de Zaligmaker in het nederig dienstwerk bijgestaan. Hij, die Zijne hand opent en elk schepsel

7

ocr page 100

MATER DOLOnOSA.

98

met zegeningen vervult, heeft aan de schaafbank te Nazareth den arbeid geadeld en geheiligd. Hij, die het wereldgebouw optrok en in het heelal de zuiverste harmonie liet heerschen, is nederig werkman geweest. Na die onderdanigheid aan Zijne heilige Ouders, werd onze Heiland geroepen, om de taak te volbrengen, die Zijn hemelsche Vader Hem opgelegd had. Reeds ging de profetie van Isaias in vervulling ; reeds werd de stem des Roependen in do woestijn vernomen: .Bereidt den weg des Heeren, maakt Zijne voetpaden recht: alle dal zal gevuld en alle berg en heuvel geslecht worden, en de kromme wegen zullen recht en de oneffene wegen effen worden, en alle vleesch zal de zaligheid Gods zienquot;. Die zaligheid Gods nu kwam tot Joannes, om gedoopt te worden, en de H. Geest zweefde boven Hem in de gedaante van eene duif, terwijl de hemelsche Vader, door een stem uit de wolk, de zending van Zijnen Zoon bekrachtigde ; „Deze is Mijn welbeminde Zoon, in Wien Ik Mijn welbehagen hebquot;. Deze zending spoedde na drie jaren ten einde. Toen de Profeet Zijne hemelsche leer gepredikt en de Koning Zijne oppermacht getoond had, ging de Hoogepriester Zijn offer opdragen. De profetie van Zacharias was reeds vervuld: de zachtmoedige Koning van Sion was, gezeten op het veulen eener ezelin, Zijne hoofdstad binnengetrokken. Jeruzalem had de blijde juichtonen vernomen : „Hosanna den

ocr page 101

VIERDE SMART. 99

Zoon van David ! Gezegend die komt in den naam des Heerenquot;. Maar de ongelukkige stad wilde niet erkennen, -vvat haar tot vrede strekte. Zelfs degenen, die in Jezus geloofden, durfden, uit vrees voor de Opperpriesters en Farizeërs, van hunne overtuiging geen blijk geven, veel minder den Heiland een nachtverblijf verstrekken. Daarom verliet Jezus lederen avond de stad en haar tempel, om, met Zijne Moeder en Zijne Leerlingen, in het nabijgelegene Bethanië, de gastvrije woning te betrekken van Lazarus en zijne zusters, Martha en Maria. Deze laatste was daar, gloeiend van liefde, aan Jezus: voeten neergezeten, terwijl de eerste zich uitputte in hulpvaardig dienstbetoon.

Zoo verliepen de eerste dagen der groote lijdensweek. Gelijk Mozes op het gebergte Ra-phidim, met uitgestrekte armen, de zegepraal over de vijanden van Israël afsmeekte, zoo besteeg ook de groote Profeet, aan hem gelijk, den Olijfberg, om Zijnen hemelschen Vader de overwinning over den vorst der duisternis en de volharding Zijner uitverkorenen te vragen. Den ganschen Woensdag bracht onze Heiland Zijn eigen woord in toepassing: „Men moet altijd bidden en nooit ophoudenquot;. Den volgenden dag keerde Hij naar Bethanië terug, om van Zijne Moeder afscheid te nemen. Zijne kinderlijke gehoorzaamheid wilde ook hare toestemming vragen voor de voltrekking van het

ocr page 102

MATER DOLOROSA.

100

verlossingswerk ; Zijn diepe eerbied verlangde tevens haren zegen. Dat afscheid echter zou ontzaglijk zwaar vallen, omdat beider harten en beider zielen zoo innig vereenigd waren. Veel voorzeker heeft Sara geleden, toen zij haren eeniggeboren zoon Isaiik, met het offerhout beladen, naar den berg Moria zag opgaan, om den Heer geslachtofferd te worden; bittere tranen heeft Anna geschreid, toen de jeugdige Tobias met zijn reisgezel naar Rages vertrokken was, terwijl zij luid klaagde : „Mijn kind, mijn kind, waarom hebben wij u laten vertrekken, u, het licht onzer oogen, den steun van onzen waggelenden ouderdom, den troost van ons leven, de hoop van ons nageslacht ? In u alleen bezaten wij alles, neen! neen! nooit hadden wij u moeten laten vertrekkenquot;. Maar hoe zullen wij de smart en de droefheid weergeven, die Maria's ziel overstelpten, toen haar eeniggeboren Zoon, beminnelijk boven allen, van Haar heenging, om overgeleverd te worden aan de Oversten der priesters en aan de Schriftgeleerden, die Hem ter dood zouden veroor-deelen en Hem zouden stellen in de macht der Heidenen ter bespotting en bespuwing, ter geeseling en kruisiging ? De smart der H. Maagd zegt de H. Bernardus, was grooter dan die. welke alle schepselen te zamen zouden verdragen kunnen. De Moeder der reine liefde toch beminde haren Jezus meer dan alle men-

ocr page 103

IBKDE SMART.

101

schen Hem kunnen liefhebben. En de graad van hare liefde is de maat van haar lijden. Stellen wij ons levendig voor, bij bet afscheid van Jezus en Maria tegenwoordig te zijn: „Lieve Moederquot;, zoo spreekt onze Verlosser, „nu is het uur gekomen, waarop Ik het werk moet volbrengen, Mij door den Vader opgelegd; zie, Ik ga naar Jeruzalem, opdat vervuld worde, wat door de Profeten over den Zoon des men-schen geschreven is; gelijk het geheele nien-schelijke geslacht door de ongehoorzaamheid van éénen mensch in het verderf gestort is, zoo moet het ook door Mijne gehoorzaamheid verlost worden ; daartoe wachten Mij weliswaar boeien en ketenen, bespotting en mishandeling, geeseling, doornenkroning en kruisiging, maar. Moeder, het is noodig, dat één mensch sterve, opdat niet het gansche volk verloren ga ; en de Christus moet dat alles lijden en zóó Zijne heerlijkheid binnengaan; de Zoon des menschen moet van de aarde opgeheven worden, om allen tot Zich te trekken; en allen, die Mij aan het Kruis aanschouwen, zullen behouden worden; zoo zal Ik, hangende tusschen hemel en aarde, waarlijk do Middelaar wezen tusschen de schuldige menschheid en den vergramden Vader, en op deze wijze inderdaad „Jezusquot; zijn, omdat Ik Mijn volk zal verlossen van zijne zonden; derhalve goedertierende Moeder, spreek uw ,Fiatquot; en zegen Mijquot;.

ocr page 104

MATER DOLOROSA.

102

Jezus valt uu op Zijne knleèn, om de toestemming- en den zegen Zijner Moeder te vragen. Maria aarzelt en strekt hare armen uit, zeggende : „Sta op, Mijn Kind! het past niet, dat de eeuwige Zoon des Vaders voor Zijne geringe dienstmaagd op de knieën ligt; en bovendien, het schepsel moet door Zijn Schepper gezegend worden. De Zoon antwoordt Haar met het woord van Jacob, worstelende met den Engel, „Ik zal U niet verlaten, voordat Gij Mij gezegend hebtquot;. De Moeder herneemt met den koninklijken Proleet: „Mijn hart is bereid, mijn hart is bereid! doch gun Mij, Mijn Kind, te sterven in Uwe plaats, of, dewijl de hemel op deze wijze niet verzoend kan worden, sta Mij toch ten minste toe met U te stervenquot; ! En in tranen wegsmeltend, valt ook Maria op hare knieën om deze gunst te verwerven. Neen, lieve Moeder.quot; zegt Jezus nu. „Gij moet bij Mijne zwakke Leerlingen en de bedroefde vrouwen achterblijven, om hen te troosten en te versterken, Ik moet de wijnpers alleen betreden ; den lijdenskelk geheel alleen drinken ; uwe tegenwoordigheid zou Mijne smarten slechts vermeerderen en Mijne pijnen vergrootenquot;. Terwijl Zij beiden geknield lagen, hebben de twee heiligste personen, die de aarde ooit gedragen heeft, elkander teederlijk omhelsd. Maria zegende haar Kind, en Jezus zegende Zijne Moeder. Alsdan richtten beiden hunne oogen naar den hemel, en baden: „Vader, als

ocr page 105

VIERDE SMART.

deze kelk niet vau Ons kan weggaan: Uw wil geschiedequot;. Jezus stond toen op, heldhattig gelijk een reus, om Zijnen lijdensweg' te bewandelen. Maria staarde Hem na, zoolang haar oog Hem bereiken kon. Als Hij zich uit haar gezicht verwijderde, besteeg Zij den heuveltop om lang, zeer lang nog, in de vlakte te turen naar den Beminde haars harten. Wat voelde Zij toen het zwaard der droefheid diep in haar hart doordringen, hoe overvloedig stroomden hare tranen ! O Moeder van Smarten! Gij weent en schreit over het heengaan van Jezus, en ik, verblinde en verstokte zondaar, die mijn Zaligmaker zoo dikwijls verloren heb, durf nog schertsen en dartelen op den rand van den eeuwigen afgrond ; wie weet, hoe spoedig Jezus mij voor goed zal verlaten! o mijne ziel! vrees de verschrikkelijke uitspraak van Uwen Verlosser : „Ik ga heen, en gij zult Mij zoeken, en niet vinden, en in uwe zonden ziJt gij stervenquot;. Zoo gij geen medelijden hebt met den Koning van het lijden en de Moeder van smarten, ween toch in de bitterheid uws harten over de menigte uwer zonden.

Oefening van deugd. Zich hoe langer hoe meer van de schepselen onthechten, omdat alle vleesch is als hooi, en de glorie der menschen als de bloem des velds, die onder den voet getreden wordt, dan zal Jezus gaarne bij ons verblijven.

Schietgebed. Heer! tot wien zullen wij gaan, als wij U verlaten ? Amen.

103

ocr page 106

mater dolorosa.

Voorbeeld.

Wanneer Thomas Morus, de groote kampvechter voor het Katholieke geloof en voor de rechtvaardigheid in Engeland, onder voorwendsel van majesteitsschennis, ter dood werd geleid, kwam zijn eenige zoon Joannes Morus tot hem, om zijn vader een laatste vaarwel toe te roepen.

Op zijn knieën vallende bad hij, onder een vloed van tranen, oiigt; den laatsten zegen van dien teerbeminden vader, die hem heel zijn leven met zegeningen overladen had. Daarna drong zijne dochter Margareta midden door de trawanten en het rumoerige volk, en, haar vader om den hals vallende, hield zij hem g-eruimen tijd in hare armen gesloten, terwijl zij schreiend en snikkend slechts dit éene woord kon uitbrengen : „Ach, mijn vader!quot; Diep werd toen het hart van dezen edelen geloofsheld geschokt. Maar geheel overgegeven aan den aanbiddelijken wil des Heeren, wankelde zijn geloof niet, en bood hij heldhaftig' zijn hals aan den scherprechter.

104

ocr page 107

VEERTIENDE FEBRUARI.

Vierde Smart.

Tweede Verhandeling. Gethsemane.

Toen de Zaligmaker van Zijne Moeder afscheid genomen had, was Hij opgegaan naar Jeruzalem. Met haastige schreden had Hij Zijnen weg afgelegd, want Hij verlangde met groot verlangen dit Paaschlam met Zijne Discipelen te eten, voordat Hij ging sterven. De goede Meester kon Zijne Leerlingen niet als weezen achterlaten, daarom wilde Hij persoonlijk onder hen wonen tot de voleindiging' der eeuwen. Doch niet allen, die met den Heer aan tafel aanlagen, waren rein en zuiver. In een der twaalf was de duivel der hebzucht gevaren, en die zoon des verderfs stond op het punt zijnen Meester te verraden. Het „weequot; over hem uitgesproken, kon hem niet van zijn snood plan terughouden. Judas stond van het Avondmaal op, om met de Overpriesters over Jezus' uitlevering te onderhandelen. ,,Wat wilt gij mijoen de Zaligmaker van Zijne Moeder afscheid genomen had, was Hij opgegaan naar Jeruzalem. Met haastige schreden had Hij Zijnen weg afgelegd, want Hij verlangde met groot verlangen dit Paaschlam met Zijne Discipelen te eten, voordat Hij ging sterven. De goede Meester kon Zijne Leerlingen niet als weezen achterlaten, daarom wilde Hij persoonlijk onder hen wonen tot de voleindiging' der eeuwen. Doch niet allen, die met den Heer aan tafel aanlagen, waren rein en zuiver. In een der twaalf was de duivel der hebzucht gevaren, en die zoon des verderfs stond op het punt zijnen Meester te verraden. Het „weequot; over hem uitgesproken, kon hem niet van zijn snood plan terughouden. Judas stond van het Avondmaal op, om met de Overpriesters over Jezus' uitlevering te onderhandelen. ,,Wat wilt gij mij

ocr page 108

MATER DOLOROSA.

106

geven, en ik zal Hem u overleveren ?quot; sprak de ondankbare apostel. „Bepaalt slechts eene som, tot eiken prijs lieb ik mijnen Meester veilquot;. Dertig- zilverlingen, de prijs der slaven, werden hem toegezegd. — Judas ! wat moet ik u geven, als gij mijnen Meester niet overlevert? — Nu moest er nog slechts eene gunstige gelegenheid gezocht worden, om den grooten Wonderdoener gevangen te nemen. Als het hoogepriesterlijk gebed gesproken en de dankzegging geëindigd was, heeft ook Jezus de opperzaal verlaten en is met Zijne Apostelen gegaan naar den hot van Gethsemane, om daar volgens Zijne gewoonte te bidden. Toen hij Zich een steenworp ver van Zijne leerlingen verwijderd had, viel onze Goddelijke Zaligmaker op Zijne knieën, en bad : „Vader, indien Gij wilt, laat deze kelk van Mij weggaan: nochtans niet Mijn wil, maar Uw wil geschiedequot;. Met klimmende vurigheid herhaalde de Heiland driemaal dat zelfde gebed. Zal de goede Herder dan niet Zijn leven geven voor Zijne schapen ? 's Heeren menschelijke natuur huiverde voor het gruwzaam lijden, dat Hem wachtte, maar Zijne goddelijke natuur onderwierp zich aan de raadsbesluiten des hemelschen Vaders. En in doodstrijd gerakende, vloeide Zijn zweet als druppelen bloed over de aarde. Dat uitstrooiiieiide bloed van den barmhartigen Samaritaan moest het geneesmiddel zijn der kranke menschheid, en welsprekender dan het bloed

ocr page 109

VIERDE SMART.

van Abel, smeekte liet den vergramden Vader Zijn volk te sparen en de verdelgende plaag der zonde weg te nemen. Door een Engel versterkt, stond Jezus op en begaf Zich tot Zijne leerlingen zeggende: .Staat op, laat ons gaan: want hij, die Mij verraden zal, is nabijquot;.

Terwijl de Heer nog sprak, was Judas, een der twaalf, genaderd en met hem eene groote menigte, voorzien van fakkels en lantaarnen en gewapend met zwaarden en stokken. Zij waren gezonden door de Overpriesters, Schriftgeleerden en Ouderlingen. De verrader nu had hun een teeken gegeven zeggende: „Hij, dien ik kussen zal, is het, houdt hem stevig vast, en geleidt hem voorzichtigquot;. De grijpende wolf in het schaapskleed gestoken, trad vooruit, recht naar Jezus toe, en zeide Hem : ,Wees gegroet. Meesterquot;, en hij kuste Hem. Zoo omhelsde eenmaal de sluwe Joab zijnen tegenstander Amasa; terwijl hij huichelend sprak : „Wees gegroet, mijn broederquot;, doorstak hij hem met zijnen dolk. En de zachtmoedige Heiland, die niet wil, dat een enkele verloren ga, heeft Zijn aanbiddelijk gelaat niet afgewend, maar Zijn doodvijand allerminzaamst toegesproken: „Vriend waartoe zijt gij gekomen; Judas, verraadt gij den Zoon des menschen met eenen kus ? Mijn zoon, wat heb Ik u misdaan, waarin heb Ik u gehinderd, of waarmede u bedroefd'? Antwoord Mij? Wat

107

ocr page 110

MATER DOLOROSA.

pleegt gij een aanslag op Mijn leven ? Ik ver- viele

lang vurig, dat Mijn doopsel voltrokken worde, i Hij

ook om u te verlossen en zalig te maken ; erken i And

en beween uw misdaad, Mijn hart is bereid, om i zeid

u vergiffenis te schenken. Of zoo gij noch met ! hen

Mij, noch met u zeiven medelijden hebt, ontferm gij

u ten minste over Mijne bedrukte Moeder, die der

gij door Mijnen dood in eene peillooze droefheid wik

zult dompelen. Ach Judas! bedenk toch hoe Zij ter,

u volijverig verzorgd heeft, als wij, vermoeid moi

van het reizen, bij Haar onzen intrek namen! zov

Heeft Zij u niet, evenzeer als Mij, met bekom- vai

mering het noodige levensonderhoud verstrekt gei

en de afgematte ledematen verkwikt ? Waarom toe

verraadt gij den Zoon des menschen met eenen He

kus'? Vriend, waartoe zijt gij gekomen ? Hebt i bilt;

gij geen medelijden met den Zoon, spaar toch K(

de Moederquot;. Helaas! de liefde van Jezus kon nu

dit verstokte hart niet verteederen. de

Trotsch en laatdunkend ging Judas zijnen dt

weg. Gelijk de woeste Ezau het niets achtte L

zijn eerstgeboorterecht te verkoopen voor een v'

nietswaardig voedsel, zoo bekommerde zich Judas dlt;

er weinig over den Eerstgeborene uit de leven- g

den en de dooden, voor den prijs der slaven, n

ter kruisdood over te leveren. Jezus dan, alles v

wetende, wat met Hem gebeuren zou, ging tot o

de menigte en vroeg haar: „Wien zoekt gij ?quot;' 1 Zij antwoordden ; , Jezus van Nazarethquot;. Jezus

zeide : „Ik ben hetquot;. Daarop weken zij terug en 1

1

108

ocr page 111

VIERDE SMART.

109

j vielen ter aarde neder. De Heiland toonde, dat [ Hij geofferd werd, omdat Hij het zelf wilde, j Andermaal vroeg Hij: „Wien zoekt gij ?quot; üij zeiden wederom ; ,Jezus van Nazarethquot;. Jezus hernam : „Ik heb u gezegd, dat Ik het ben, als gij dan Mij zoekt, laat dezen gaanquot;. De macht der duisternis ging niet verder dan de Heer wilde. Zij mochten de hand slaan aan den Meester, maar Zijne Leerlingen moesten zij ongemoeid laten vertrekken, opdat het woord vervuld zoude worden, dat Hij gesproken had: ,Vader van degenen, die 6ij Mij gegeven hebt, heb Ik geen enkele verlorenquot;. Toen traden zij op Jezus toe, en sloegen de hand aan Hem, en hielden Hem geboeid. De Heer wilde Zijnen Vader niet bidden om legioenen van Engelen, die hunnen Koning zouden verlossen, want de Schriftuur moest in vervulling gaan. Het uur van den vorst dezer wereld was gekomen, en de macht der duisternis was ingegaan. Daarop verlieten de Leerlingen hunnen Meester en namen allen de vlucht naar Bethanië, om de Moeder des Heeren de droevige tijding over te brengen. Luid klagende en schreiende, zegt de H. Anselmus, kwamen zij aansnellen: „O dierbare Meesteres, uw veelgeliefde Zoon, onze Meester, is gevangen genomen, en wij weten niet, waarheen Hij geleid wordt, noch wat Hem zal overkomenquot;. O, wreed en vlijmend zwaard, dat het allerheiligste hart der Maagd doorboorde! Als Maria vernam,

ocr page 112

MATER DOLOROSA.

zoo verhaalt de H. Bonaventura, dat haar Zoon door de Joden gevangen genomen was, is Zij het binnenvertrek ingegaan en hield niet op te kloppen op hare borst en een vloed van tranen te schreien. En geen wonder!

Als toch de hoog'epriester Heli, toen hem de treurmare gewerd, dat de Ark Gods in de handen der Philistijnen gevallen was, zoo hevig' ontstelde, dat hij van zijnen zetel viel en zijnen hals brak — als de priester Mathathias bij de schending van Jehova's eeredienst zoo diep geroerd werd, dat al zijne ledematen trilden van heilige verontwaardiging — dan kunnen we ons voorstellen, hoe Maria in het diepste haars harten moest bewogen zijn, toen de H. Joannes haar omstandig verhaalde, hoe snood Jezus door Judas verraden en in de handen Zijner vijanden geleverd was, die haar Kind in boeien en ketenen klonken en het Onschuldige Lam onmeedoogend ter slachtbank voortsleepten — dan billijken wij ten zeerste hare klacht: „ Wee Mijner, o noodlottigste aller dagen! Wat droevige tijding' is Mij heden geworden. O Mijn Zoon, Mijn Kind, de kroon is van mijn hoofd gevallen, de glorie van Israël weggenomen : Ik zal opstaan en zien, of Ik Zijn aanbiddelijk gelaat nog eenmaal mag aanschouwen, voordat Hij sterftquot;. O mijne ziel, overweeg hier, hoe Jezus in boeien geslagen werd, om de slavenketen van Satan van u af te nemen, en hoezeer Maria bedroefd was om

110

ocr page 113

VIETiDE SMART.

uwentwille. „Zoo er nog een vonkje van medelijden in u is overgeblevenquot;, zegt de H. Lau-rentius Justiniamis, „besproei dan 's Heeren kluisters met uw tranen, slaak Zijne boeien, verbreek Zijne banden, en beproef elk middel om uwen Verlosser in Zijne vorige vrijheid te herstellenquot;. En zulks zal geschieden, als gij ophoudt met zondigen.

Oefening van deugd. Ter liefde van Jezus en Maria zijne zonden van harte verfoeien, en door oprechte boete do ketenen der helsche slavernij verbreken.

Schietgebed. Lieve Jezus, die Judas nog Uw vriend noemt, wil mij, armen zondaar, in genade aannemen. Amen.

Voorbeeld.

Maria van Egypte, de beruchte zondares, werd door den hemel tot driemaal toe geweerd van de vereering van 's Heeren Kruis. Tot inkeer gekomen, beweende zij bitter haar voorgaande leven. Zij nam haar toevlucht tot de Moeder dei-Smarten, door wier bemiddeling zij ook door Jezus in genade werd aangenomen. Nu verlangde de heilige boetelinge niets vuriger dan in de deugd te mogen volharden. Daarom smeekte zij de Moeder van Smarten dringend, haar den zekeren en veiligen weg ter zaligheid te willen aanwijzen. Daarop mocht zij eene stem hooren,

Ill

ocr page 114

MATER DOLOROSA.

112

die zeide : „Als gij den Jordaan overtrekt, zult gij rust en vrede vindenquot;. Gehoor gevende aan deze waarschuwing', heeft zij zeven en veertig' jaren lang als kluizenares de strengste boete g'epleegd en een heilig' leven geleid onder de bescherming van Maria, de Moeder der Smarten. Haar heilig hoofd rust in de kerk der E.E. Paters Jezuiten te Augsburg, waar zij godvruchtig' vereerd wordt.

ocr page 115

VIJFTIENDE FEBRUARI.

Vierde Smart.

Derde Verhandeling. Jemzalem.

e Leerlingen hadden lafhartig' hun woord

gebroken. „Laat ons ook opgaan, om niet Hem te sterven'', had Thomas gezegd. Petrus had stoutmoedig verklaard: „Ik ben bereid met U in den kerker en in den dood te gaanquot;, en de overigen hadden hiermede Ingestemd. En nu zie ik Jezus, van Zijne bekenden en vrienden verlaten, geheel alleen, overgeleverd aan de willekeur Zijner vijanden, die Hem slaan en stooten, en met woest geweld en barbaarsche wreedheid voortsleepen naar Jeruzalem. Maar heldhaftiger dan de zwakke Apostelen was de Moeder fles Heeren. Ter prooi aan de felste smart sprak Zij, na do gevangenneming, met de Bruid 'van het Hooglied : „Ik zal opstaan en langs de wijken cn straten der stad rondgaan. Ik zal Hem zoeken, dien mijne ziel liefheeft'' Vergeefs poogden de Leerlingen en de heilige

8

ocr page 116

114 MATER DOLOnOSA

vrouwen Ha;ir van haar voornomen af te brengen, zeggende, volgens don H. Bonaventura: „Ach onze Meesteres, waar gaat Gij heen, blijf bij' ons, opdat wij, wanneer de Herder verslagen wordt, niet in hetzelfde uur ook van uwe leiding beroofd wordenquot;. Noch het leven, noch de dood, noch het tegenwoordige, noch het toekomende, konden Maria scheiden van Jezus. In hot nachtelijke uur ijlde zij stadwaarts. Was het inbeelding van haren geest, dat ginds in de vallei een argeloos lam door een roofzieken wolf werd besprongen '? Vernam Zij daar niet het zacht geklaag eener tortel, door wreede haviken overvallen'? Hoort Haar schreien en zuchten : „Ach, mijn Zoon, mijn Jezus, o zachtmoedig en onschuldig Lam, op mijn schoot gekoesterd, aan mijne borst gevoed, met zooveel zorg opgekweekt, waarom wordt Gij zonder Uwe Moeder ter slachtbank geleid ? Hemelsche Vader, die Uwen eeni-gen Zoon niet spaart, maar Hem voor allen overlevert, waarom spaart Gij Zijne Moeder, daar het hart van Moeder en Kind één zijn ? Mijn Kind, het licht mijner oogen en de vreugde mijns harten, waar toeft Gij, waar zijt Gij heengegaan, waar kan ik U vinden, want mijne ziel kent rust noch troost tenzij in God mijn Heilquot;.

Van dergelijke gedachten vervuld, was onze Moeder Jeruzalem genaderd. Het buitengewone rumoer en de drukke beweging meldden Haar, dat de geheele stad in opschudding was. Waar

ocr page 117

VIERDE SMAKT.

zal Zij haar Kind opsporen ? De snoode verrader had den Zaligmaker eerst gevoerd tot Annas, want de toegezegde bloedprijs moest hem nog uitbetaald worden.

Deze Annas, de schoonvader van Kaïphas, ondervroeg den Heer over Zijne Leerlingen en aangaande Zijne leer, waarop Jezus antwoordde ; „Wat ondervraagt gij Mij ? Ondervraag degenen, die Mij gehoord hebben; zij weten wat Ik hun geleerd hebquot;. Daarop gaf een der dienaren Jezus een slag in het aangezicht, zeggende: „Antwoordt Gij zoo den hoogepriester ?quot;

Hier had Maria haren Zoon reeds ontmoet. De H. Joannes Chrysostomus toch verklaart, dat de Moeder Gods de snoode rechtspleging bij Annas bijwoonde, en dat haar hart doorboord werd door den kaakslag, welken een der dienaren gaf op het aanbiddelijk gelaat van Jezus, die in alle zachtmoedigheid antwoordde ; „Indien Ik kwalijk gesproken heb, geef getuigenis van het kwaad, maar indien ik wel gesproken heb, waarom slaat gij Mij ?quot; „Ontroer, o hemel, en gij, aarde, sidder!quot; roept hier de H. Chrysostomus uit, zoowel over het onuitputtelijk geduld van uwen Zaligmaker, als over de onbeschaamde vermetelheid van dezen lagen dienstknechtquot;. En gij mijne ziel! keer in u zeiven, of slaat gij Jezus niet in het aangezicht, telkens als gij eene doodzonde bedrijft ? Staak toch eindelijk uw zondig leven, ook uit medelijden met 's Hee-

115

ocr page 118

116

ven bedroefde Moeder! — Annas zond den Heiland geboeid naar den hoogepriester Kaïphas, in wiens paleis de Hoog-e Eaad vergaderd was. Als de Schriftgeleerden, Ouderlingen en Fari-zeërs met het getuigenverhoor niets vorderden, en Jezus zwijgen bleef, stond de hoogepriester op, en, onder het masker van godsdienstigen ijver, ondervroeg hij den Heiland, zeggende: „Ik bezweer U bij den levenden God, zeg ons of Gij de Christus zijt, de Zoon Gods ?quot; Jezus antwoordde: „Ik ben het'. Daarop scheurde de hoogepriester in geveinsde verontwaardiging zijne kleederen, en riep uit; „Wat hebben we nog getuigen noodig? Hobtgij de godslastering-gehoord : wat dunkt u ?quot; Allen antwoordden ; „Hij is des doods schuldigquot;. Toen werd onze gezegende Verlosser de schande der menschen en de verachting des volks. In den kerker van het paleis geworpen, bonden de moedwillige krijgsknechten Hein met de handen op den rug aan een steenen kolom. En zij spuwden den Heer in het aangezicht, en sloegen Hem met vuisten. Eenigen blinddoekten Hem, en gaven Hem kaakslagen, zeggende: „Profeteer ons Christus, wie is het, die u geslagen heeftquot;' ? Anderen wederom, vele snoode lasteringen tegen Hem uitbrengende, plukten Zijn haar en baard. Zoo ging de profetie van Isaïas in vervulling; „Mijn lichaam bied Ik hun, die Mij slaan ; Mijne wangen hun, die Mij den baard uitrukken;

ocr page 119

VIKRDB SMART.

Mijn aangezicht keer Ik niet af van hen, die Mij schelden en bespuwenquot;. En Maria, de Moeder van Smarten, zegt de H. Bouaventura, was getuige van dit gruwzaam spel der laagste hartstochten. Zij hoorde de beleedigingen en aanschouwde de bespotting van haar dierbaar Kind. Zij gevoelde in haar hart al de wreedheden, welke eenc onmenschelijkc barbaarsch-heid haren Zoon aandeed. En Zij sprak, noemt Mij geen Noëml meer, dat is schoone, maar Mara, dat is bittere, omdat de Heer mijne ziel met bitterheid vervuld heeft. O mijne ziel! bezoek uwen armen Jezus in Zijnen kerker, en troost de bedroefde Moeder. Wisch, naar het voorbeeld van Veronica, het walgelijk stof en speeksel van Jezus' aangezicht weg, en droog de tranen af, die in Maria's oogen opwellen. Dan zal de rechtvaardige Rechter u, in het oordeel, toeroepen : „Ik was in de gevangenis, en gij hebt Mij bezocht: kom gezegende Mijns Vaders, neem bezit van het rijk der hemelen, dat voor u bereid isquot; Dat zult gij zeker verwerven, als gij do lijdenden in hunnen nood bijstaat.

De bespotting en mishandeling van den Zaligmaker werden gedurende den ganschen nacht voortgezet. Reeds vroeg in den morgen was de gansche Raad van Ouderlingen des volks. Oversten der Priesters en Schriftgeleerden wederom bijeen. Andermaal werd Jezus, om althans don

117

ocr page 120

MATER DOLOROSA

118

schijn van rechtvaardigheid te behouden, ondervraagd : „Zijt Gij waarlijk de Christus, de Zoon Godsquot;? Jezus antwoordde; „Gij hebt het gezegd : Ik ben hot.quot; Toen riepen allen; ,,Wat hebben wij nog meer getuigen noodig ? Wij hebben Zijne eigene bekentenis.quot; Allen stonden nu op en voerden Jezus naar den landvoogd Pontius Pilatns. Daar de schepter van Juda was weggenomen en overgegaan in de handen der Romeinen, konden do Joden wel een doodvonnis uitspreken, maar het niet voltrekken. Het woord des Hecren moest in vervulling' gaan : „Zij zullen Mij overleveren aan de Heidenen, om gegeeseld en gekruisigd te worden.quot; De Over-priesters beschuldig-den nu Jezus bij den landvoogd in vele zaken, maar Pilatus vond geene schuld in Hem. Wat zouden zij ook tegen den Heilige der heiligen kunnen inbrengen, die tot Zijne bitterste vijanden zeggen mocht; „Wie uwer zal Mij van zonde overtuigen ?quot; Nu zal de landvoogd den Messias zeker in vrijheid stellen. Neen, daartoe ontbrak het hem aan moed en karakter. Hij wist, dat Jezus uit nijd ter dood gebracht werd ; hij erkende 's Hecren onschuld, maar de vrees voor de Joden en zijn eigenbelang brachten den plicht van gerechtigheid tot zwijgen. Wel trachtte hij zich op velerlei wijzen uit deze ongelegenheid te redden, maar vergat, dat de nijd nooit verzadigd wordt. Te vergeefs zond hij den gehaten Galileër tot Koning Hero-

ocr page 121

119

des, onder wiens rechtsmacht de Zaligmaker be-lioorde. Vruchteloos ook stelde hij de keuze tusschen Barabbas of Jezus, Tocli hoopte hij nog-den bloeddorst der Farizeërs te bevredigen, zonder het doodvonnis uit te spreken; „Ik zal Hem laten geeselen en dan heenzenden,quot; sprak de lafaard. — Maar ook dat zal niet baten.

Doch koeren wij terug tot Maria. De heldhaftige Moeder was haar Kind gevolgd. In deerniswaardigen toestand, zwaar geketend en wreed mishandeld, had Zij Hem zien sleepen van Kaïphas naar Pilatus. Zij had het geheele pleidooi van den landvoogd bijgewoond. Thans ging Zij getuige zijn van de wreede en smartelijke geeseling, „Elke slag, die op Jezus' gezegend lichaam nederviel,quot; zegt de H. Hiero-nyinus, „sloeg een wond in het hart der Moeder.quot; „O mijne Meesteres!quot; roept de H, Anselmus uit. „Wat bronnen van tranen zijn er uit uwe zedige oogen ontsprongen, toen Gij uwen eeni-gen Zoon, uwen onschnldigen Jezus, voor uwe oogen zaagt gegeeseld worden, toen het vleesch van uw vleesch door de goddeloozen wreedaardig verscheurd werd.quot; De profetie van Isaïas moest vervuld worden: „Om de zonden van Mijn volk heb Ik Hem geslagen ; omdat Hij Zijn leven gesteld heeft voor de zonde, heb Ik Hem willen vermorzelen in Zijne zwakheidquot;. Maar de moedwil der beulen ging nog verder, 's Heeren rug mocht al doorploegd en al Zijne beenderen

ocr page 122

MATER DOLOROSA.

ontbloot zijn, — wraakzuchtige harten kennen geen medelijden — zij bereidden Jezus een kroon van scherpe doornen, die zoo vreeselijk het hoofd van den Zoon des menschen doorboorden, dat het uitstroomende bloed oog'en ou ooren, ja geheel het gelaat van Jezus bedekte. En met bloedige oogen aanschouwde de Heiland Zijne zuchtende en schreiende Moeder.

En dat alles, mijne ziel, hebben Jezus en Maria geleden, om te boeten voor uwe zinnelijkheid en hoovaardigheid. Door hunne striemen zijt gij genezen. Wanneer zult gij beginnen u zelve te versterven en u voor uwen naaste te verne deren ? O, wanneer de wellust u kwelt, en de hoogmoed u opblaast, ga tot uwen gegeeselden Jezus, wend u tot uwen gekroonden Verlosser, en heb medelijden met Zijne bedrukte Moedor.

Oefening van deugd. In de moeilijkheden en kwellingen des lemens zich levendig de geesc-ling voor den geest stellen van onzen Zaligmaker, in Wien, om onzentwille, geen gezondheid, geen vorm of gedaante meer overbleef, dan zullen we gemakkelijk alle wederwaardigheden ter liefde Gods verdragen.

Schietgebed. Heer! Schep in mij eeu zuiver hart, en vernieuw den rechten geest in mijn bin nenste. Amen.

120

ocr page 123

VIERDE SMART.

V OORBEELD.

Een kloosterling te Turijn, die op goeden Vrijdag, den Heiligen Doek aanschouwde, waarop do trekken ingedrukt stonden van het gegce-selde en aan alle kanten doorwonde Lieliaain dos Heeren, werd daardoor zoo hevig ontroerd, dat hij oogenhlikkelijk stierf. In dat gewijde Kleed toch ziet men onder de vele striemen, die het maagdelijk Lichaam van Jezus verscheurden eene verschrikkelijke wond in de zi jde, die. men niet zonder ontroering kan aanschouwen, en welke de Heer heeft willen ontvangen, om in ons het vuur der boozc begeerlijkheid uit te dooven en de deugd van onthouding en zuiverheid aan te wakkeren.

121

ocr page 124

ZESTIENDE FEBRUARi. Dc

ba

g«

Vierde Smart. rtc

Vierde Verhandeling. Op den Kruisweg. 0

______________in

I

ooi- do gruwzame goeseling- en smartelijke. • 1ü

(loomenkroruiig' was de Zalig'maker zoozeer bi

misvormd, dat Hij algemeen medelijden moest 3lt;

opwekkeu. Zoo hoopte ook de landvoogd Pontius a

Pilatus. Daarom bracht hij den Heiland, met l

een purperen mantel om Zijne schouders, Zijne i t

doornenkroon op het gezegende hoofd en een s

rictstok in de handen, tot het volk, zeggende: u

^Ziet den menschquot;. „Ziet, welk een mensch !quot; ■/.

zoo luidt de verklaring van den H. Augustinus, !•

„geen aanzien, geen waardigheid, geen spoor ' 1

van den glans eener heerschappij is meer in (

Hem; Hij is verzadigd van verguizingen. Hebt t

gij Hem uit nijd als koning verworpen, bewijst \

Hem dan thans uw mededoogenquot;. Dat mede- l

doogen nu ondervond de goede Jezus van Zijne 1 Moeder Maria, die, volgens den geleerden Jo-

ocr page 125

123

amies Toulerus, daar stond, toen Pilatiis zijn ,,Eccc liomoquot; uitsprak. Wat pijnlijk oogcnblik voor de Gezegende boven alle vrouwen, haren eenigen Zoon zóó te aanschouwen ; wreed geboeid, jammerlijk geslagen, geheel ontdaan en bezoedeld met speeksel cn bloed, schier onkenbaar, zonder vorm of gedaante, eencn melaatsche gelijk geworden. Zelfs het wreedste hart moest door dit droevig schouwspel bewogen worden.

Doch de Overpriesters, Schriftgeleerden en de Ouderlingen des volks hadden alle gevoel van medelijden afgelegd. Woest en onstuimig, riepen zij den landvoogd dreigend toe: „Zoo gij dezen loslaat, zijt gij de. vriend des keizers nietquot;. Deze bedreiging had doel getroffen. Mot de vriendschap des keizers zou de landvoogd ook zijn ambt cn waardigheid verbeuren. Daarom sprak Pilatus het doodvonnis over Jezus uit en stelde Hem in do handen Zijner vijanden, om gekruisigd te worden. Een stormachtig gejuich ging uit do schare op. De hunkerende wolven hadden zoo gretig het Onschuldig Lam bespied; nu konden zij Hot naar hartelust verscheuren. Het klaaglied van Jeremias werd vervuld. Zij sisten en knarsten op hunne tanden, zeggende: „Laten wij Hem verscheuren, dit is de dag, dien wij zoo lang verwachttenquot;. Deze helsche vreugde vond een pijnlijken weerklank in hot hart van de Moeder der Smarten, die zuchtte en klaagde: ,.Ach, mijn Kind, dat het Mij ge-

ocr page 126

124

ji'evcn ware, met U te sterven : Vader in den hemel! barmhartigheid voor Uwen welbeminden Zoon! Engelen en Aartsengelen, snelt uwen Koning ter hulp!quot; Als het doodvonnis over Jezus uitgesproken was, voorden de soldaten den Heiland naar binnen, rukten Hem den purperen spotmantel van do schouders en trok ken Hem Zijne eigene Ideederen weder aan. Zoo zou de groote Wonderdoener beter gekend worden door het spotlustige volk ; zoo moest ook do profetie van den aartsvader Jacob in vervulling gaan: „Hij zal Zijn kleed in wijn wasschen en Zijnen mantel in het bloed der druivenquot;. In dit veelkleurig gewaad, gepurperd door 's Heeren dierbaar Bloed, leidden zij den zaclitmoedigen Verlosser naar Calvarië, waar de openbare misdadigers werden terecht gesteld.

In allerijl waren de benoodigdheden voor dc kruisiging bijeengebracht: hamers en spijkers, touwen en ladders, gal en azijn en den langen knoestigen kruisbalk. Eindelijk werd Jezus, met ketenen en koorden aan hals en handen vastgebonden, met wonden overdekt, getooid met de spotkroon van doornen, bij Zijn Kruis gebracht. O, heilig oogenblik ! Jezus' hart werd geperst en geprangd, om Zijn doopsel te voltrekken ; Zijn boezem hijgde van vurig verlangen naar onze verlossing; met onuitsprekelijke liefde heeft Hij Zijn Kruis omhelsd en het zelf op Zijue doorwonde schouderen gelegd, terwijl

ocr page 127

I

VFERDB SMART. 125

fjei| Hij zich andermaal als zoenoffer aan Zijnen

nden Vader aanbood, zeggende: „Niet Mijn wil, in aar

iwen Lj'w wil geschiede! Zoo is het goed Vader, om-

over dat zulks Uw welbehagen is!quot; O mijne ziel!

aten Jezus bemint het Krnis om uwentwille, en gij

dp,, ' ontvlucht het kruis, dat de Heiland u oplegt;

rok gij klaagt bij den geringsten tegenspoed, gij

.ian wilt een werkeloos en zinnelijk leven leiden,

end SM zyt cen vijand van Christus' Kruis; bedenk

oest toch, dat de weg ter zaligheid een weg is van

, jj, kruis en lijden; „Wie zijn kruis niet opneemtquot;,

yjjjj zoo vermaant de Heer en Mij niet volgt, hij

(lei. is Mijner onwaardig, hij zal met Mij geen deel

ei.r] hebben in Mijne gloriequot;. Heldhaftig, gelijk een

-|ei] reus om zijnen weg af te leggen, stond deHei-

. rif. land, met het ware teeken Zijner heerschappij

gt;l(j op de schouders, gereed om Zijnen droevigen

,lc uittocht aan te vangen. Terwi jl een heraut voor-

^rti afging en luidde 's Hoeren vonnis verkondigde,

•eii ontstond er, zegt de H. Bernardus, een groote

let toeloop van volk, hetwelk nieuwsgierig achter don Heer aanliep; eenigen daarvan hadden

it!t medelijden met Hem ; anderen beschimpten Hem

■e. ' en namen slijk en vuil op en wierpen Hem

r(l daarmede op het hoofd; ja, sommigen riepen

)]. zelfs, volgens de meening van den H. Ansel-

n_ l mus, den soldaten ophitsend toe: „Vooruil met

(e l dezen misdadiger, met dezen belhamel aller

■If I moordenaren! Spoedt maar voort, om tijdig bij

ijl j de strafplaats te komen, opdat de dood Hem

L _

ocr page 128

126

niet aehterhale, voordat Hij aan het Kruis kan geslagen worden. Daarom maakt voort, gij .sol daten, drijft Hem voort, dien mensch, die niet verdient, dat de aarde Hem draagt!quot; En op het aanbiddelijk Lichaam des Heeren regende het slagen en stooten, die den Heiland nu eens met stokken en knuppels, dan weder met vuisten en voeten door de beulsknechten toegebracht werden. Was 't wonder dat onze afgematte en uitgeputte Jezus herhaaldelijk struikelde en onder den last van Zijn Kruis bezweek, zoodat Hij plat ter aarde nederviel ?

Terwijl die treurige uittocht plaats greep, had 's Heeren heilige Moeder Zich van de menigte verwijderd, en was Zij, langs een korteren weg, met den H. Joannes vooruitgegaan naar een standpunt, waar Jezus zeker voorbij moest trekken. Zij vergezelde haren Zoon, zegt de H. Amadeus, niet slechts in de vreugde der vertroostingen, maar ook in de overstelping dei-smarten. „De diepbedroefde Moederquot;, zoo spreekt de H. Bernardus, „liep den diep bedroefden Zoon te gomoetquot;. Wat pijnlijk wachten voor het teeder minnend moederhart! Daar klinkt de trompet der romeinsche ruiterij, die het Goddelijk Slachtoffer vergezelt; daar verneemt Zij de stem van den heraut, welke het doodvonnis des Heeren verkondigt; daar ziet Zij de gerechtsdienaars, de beulen en soldaten haastignaderen. Hoe wordt haar hart verscheurd door

ocr page 129

127

de bcscliimpiugen en bespottingen, die tot Haar doordringen : ..Weg- met dien valschcn profeet, die de voorvaderlijke wetten schendt en God lastert, voort met dien volksopruier, kruisigt dien verrader des vaderlands.'quot; Eindelijk valt haar oog op Jezus. Zij wil Hem zoo gaarne aanschouwen, zegt de H. Petrus van Alcantara, maar Zij durft haren blik niet op Jlem vestigen; Zijn gelaat is zoo deerlijk misvormd ; van liet hoofd tot de voeten ziet Zij slechts bloed en Avonden, Zij huivert en siddert bij deu aanblik van dien zwaren kruisbalk, waaronder haar Zoon gebukt gaat. Toch kan Zij hare oogen niet afwenden : Jezus wischt het geronnen bloed uit Zijne oogen weg en aanschouwt Zijne Moedor, en Maria aanschouwt haar Goddelijk Kind. Bij dezen wederkeerigen oogopslag, zegt de H. Bonaventura, was de smart aan weerszijden allerhevigst. Jezus was diep bedroefd uit medelijden met Zijne Moeder, en Maria bestierf het schier van angst en kommer, zoodat Zij geen woord kon uitbrengen. Maar de taal van haar hart is des te welsprekender : „Is dat nu mijn Zoon, mijn Kind en mijn God ? God, die troont te midden ZijnerCherubijnen, wordt daar voortgesleept tusschen twee moordenaren ? God, wien de Engelen loven, wordt door de menschen veracht? Hij. die de aarde draagt op de palm Zijner handen, gaat gebukt onder den last van Zijn Kruis ? Is dat mijn

ocr page 130

128 MATER DOLOROSA.

cenig'geboren Zoon, schoon onder de kinderen der menschen, nu zonder vorm of gedaante, een aardworm gelijk; de verachting der menschen en liet uitwerpsel des volks ? Hoe, de Rechter van levenden en dooden is veroordeeld tot den schandelijken dood des kruiscs ?

Bij deze overweging werden de oogen onzer bedroefde Moeder als twee beken van tranen. En gij, mijne ziel, die de oorzaak zijt van al deze smarten en kwellingen, gij stort niet een enkelen traan van medelijden met den Zoon en Zijne Moeder! O, kondetgij toch door uw bloed de beleedigingen uitwisschen, die gij Jezus en Maria aangedaan hebt! Doch, ofschoon overstelpt van droefheid, bleef Maria geheel overgegeven aan den heiligen wil Gods, zeggende: „Zie de dienstmaagd des Heeren, Mij geschiede naar Uw woord: trek verder voort, mijn Zoon, onschuldige Abel! om door Uwe broeders gedood te worden ; rechtvaardige Noë ! bereid door Uw Kruis de nieuwe ark des behouds, opdat het menselijk geslacht uit den zondvloed gered worde; ga, allerzachtmoedigste Mozes, onze Aanvoerder en Wetgever, open ons door den staf van Uw Kruis den veiligen weg, die naar het hemelsch Palestina voert; Uwe Moeder is bereid U te volgen naar Calvarië, om er geeste-lijkerwijze met U geslachtofferd te worden.quot;

Alzoo, zegt de Abt Wilhelmus, bewandelde Maria, de eerste der uitverkorenen, ook het eerst

ocr page 131

vierde smart.

Zich naar het gebod des Zaligmakers schikkend, uiira Zij haar kruis op en volgde haar Zoon naar Golgotha.

Oefening van deugd. Met Maria de bloedige voetsporen van Jezus volgen, opdat wij den Koning der glorie eenmaal mogen vergezellen in Zijne heerlijkheid.

Schietgebed. Hoor, kastijd mij in den tijd, maar spaar mij in de eeuwigheid. Amen.

129

Voorbeeld.

Wij lezen in do Jaarboeken der E. E. Paters Jezuieten, dat een jeugdige Indiaan, van plan zijnde eene groote zonde te bedrijven, bij het verlaten zijner woning, eene stem boorde, die hem toeriep : ,,Sta, ongelukkige, waar gaat gij heen ?quot; Als hij zich op dat geluid omkeerde, zag hij oen beeld van O. L. Vrouw der Zeven Smarten. Do H. Maagd nam het zwaard, dat in haren boezem stak, in hare hand on, het hem aanbiedend, zeide Zij : „Neem dit zwaard en doorsteek Mij, liever dan Mijn Zoon te kwet: sen door uwe zonde.quot; Hierop viel onze jongeling, vol berouw en diep bedroefd, op zijne knieën, om Jezus on Zijne heilige Moeder voor zijne misdaad vergiffenis te vragen. Do Toevlucht der zondaren smeekte haren Zoon on verwierf genade voor haar kind.

9

ocr page 132

ZEVENTIENDE FEBRUARI.

Vijfde Smakt.

Eerste Verhandeling. De Kruisiging.

Gelijk Mozes in de woestijn de koperen wlang' oprichtte, zoo moest ook de Zoon des men-schen opgeheven worden, opdat elk, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar het eeuwig leven hebhe. Die verheffing nu van onzen gezegendcn Middelaar ging voltrokken worden. Geholpen door Simon van 'Jyrene had onze Heiland, op Zijne doorwonde schouderen, hijgend en zwoegend, den zwaren kruisbalk don kruisberg opgesleept. De Nieuwe Isaak had Zijn Moria bereikt ; doch hier kwam geen engelenhand don arm van den vergramden Vader ontwapenen. Bij de oneindige schuld was plaatsvervanging onmogelijk. Het Slachtoffer moest gedood worden. Daarom sprak onze Verlosser en Zaligmaker, met den Bruidegom van het Hooglied: „Ik zal den palmboom bestijgen en zijne vruchtenelijk Mozes in de woestijn de koperen wlang' oprichtte, zoo moest ook de Zoon des men-schen opgeheven worden, opdat elk, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar het eeuwig leven hebhe. Die verheffing nu van onzen gezegendcn Middelaar ging voltrokken worden. Geholpen door Simon van 'Jyrene had onze Heiland, op Zijne doorwonde schouderen, hijgend en zwoegend, den zwaren kruisbalk don kruisberg opgesleept. De Nieuwe Isaak had Zijn Moria bereikt ; doch hier kwam geen engelenhand don arm van den vergramden Vader ontwapenen. Bij de oneindige schuld was plaatsvervanging onmogelijk. Het Slachtoffer moest gedood worden. Daarom sprak onze Verlosser en Zaligmaker, met den Bruidegom van het Hooglied: „Ik zal den palmboom bestijgen en zijne vruchten

ocr page 133

131

plukkenquot;. Gezegende vruchten Vein den Boom des levens, die ons het geneesmiddel schenken, waardoor het venijn van den boom des doods onschadelijk gemaakt werd. In het vooruitzicht ook dier vruchten, zal Jezus met blijdschap Zijn Kruis beklimmen. Het g-roote lijdensproces naderde zijne voltooiing. Woest en onstuimig grepen do beulen den Heiland aan en trokken Hem zonder mededoogen de kleederen uit. Over deze wreedheid, die 's Heeren wonden opnieuw openreet en geheel Zijn lichaam met bloed overdekte, deelt de H. Anselmus eeno openbaring mede, die de H. Maagd zelve hem gedaan heeft.

„Luister Anselmus, wat Ik nu g'a verhalen is zoo hartverscheurend, dat geen der Evangelisten het heeft durven of willen opteekenen. Als zij op de onteerende plaats van Calvarië gekomen waren, hebben de beulen mijnen Zoon Jezus geheel van Zijne kleederen beroofd. Zieltogende aanzag Ik dat droevige schouwspel; toch bezat Ik nog kracht en moed genoeg, om mijnen sluier van mijn hoofd af te nemen en daarmede Zijne lendenen te omwinden.quot;

Bewonderenswaardiger dan de moeder der Machabeën, die hare zonen ter dood zag bren gen, putte ook Maria hare kracht in de hoop, die Zij op God stelde Omstreeks het zesde uur besteeg onze arme Jezus, van Zijne kleederen beroofd, met bebloeden rug, aan de hand Zijner woeste beulen, ten aanschouwe eener spottende

ocr page 134

132

menigte, de ladder, die tegen de galg des kruises geplaatst was.

Bij den dwarsbalk gekomen, richtte de Heiland Zijne oogen ten hemel en droeg zich, volgens de verklaring van den H. Bonaventnra. andermaal aan Zijnen hemelsehen Vader op als slachten zoenoffer voor de gansche wereld : „Zie, Ik ben bereid, mijn Vader! Gij hebt Mij willen vernederen tot den schandelijken kruisdood, uit liefde en tot heil voor het inenschelijk geslacht onderwerp Ik Mij. Voor degenen, die Gij Mij geschonken en tot Mijne broeders verheven hebt, bied Ik Mij ten offer aan. Aanvaard, Vader! dat offer, en bewijs in de toekomst genade uit liefde voor Mij, delg alle schuld uit: Ik offer Mij in hunne plaatsquot;, — O, mijne ziel, mocht ook gij zoo bereidvaardig uw kruis aanvaarden. Zie! de Rechtvaardige wil lijden voor de onrecht-vaardigen, en gij, onrechtvaardige, weigert het geringste te verduren uit liefde voor den Rechtvaardige. — Als de Heer nu Zijn krais beklom-men had, hebben, volgens de beschouwing van den H Bernardus, de onmenschelijke beulen Hem Zijne handen en voeten onbarmhartig doorboord en do nagelen zoo geweldig er door geslagen, dat alle spieren en aderen zich uitzetten, on niet alleen de borst van pijn opzwol, maar ook het ontbloote lichaam als een vlies uitgespannen werd, zoodat men alle beenderen tellen kon. Zoo ging de voorspelling van den konink-

ocr page 135

VI.TFDR SMART. 133

lijken Proleet David in vervulling : „Zij hebben Mijne handen en voeten doorboord; zij hebben al Mijne beenderen geteldquot;. Bij den eersten hamerslag, die in Maria's ooren klonk, was onze goede Moeder, volgons hare openbaring aan de H. Brigitta, door smart geheel overweldigd en buiten zich zelve. Als Zij ontwaakte, zag Zij haren Zoon aan het Kruis vastgehecht, tefwijl de omstanders elkander ondervroegen : „Wat heeft Deze misdreven ? Is Hij gevonnist voor diefstal, roof of logen ?quot; Sommigen ant woordden, dat Hij een leugenaar was. Vervolgens werd Hem de doornenkroon vast op hot hoofd gedrukt tot midden op hot voorhoofd. Door die ingedrukte doornen stroomde er toon zoo veel bloed over Zijn gelaat, dat Zijn haar en baard en oogon vervuld werden, en Hij geheel bloed schoen.

Bloed toch moest het toeken zijn, waardoor wij van do slagen do.s verderfsengels bevrijd zouden worden. Maar bloedige wonden ook worden er in Maria's hart geslagen, toen Zij opzag naar haren gekruisigden Zoon. Hot Kruis en de Nagelen van don Zoon waren evenzeer oen kruis en nagelen voor do Moeder, zegt de H Augustinus. Met Christus word ook Zijne Moeder gekruisigd. Hoe gaarne wilde Zij toon haar dierbaar Kind omhelzen, verklaart de H. Bernardus, maar de iiitgestokono armen vielen machteloos langs hare zijden terug. Doch hare

ocr page 136

MATRR DOLOROSA.

ooge.n kan Zij van den Beminde haars harten, haar God en haar Al, niet afwenden: Zij zag Zijn gezegend hoofd door duizend scherpe punten doorstoken, Zijn aanbiddelijk gelaat, hetwelk de Engelen wenschten to aanschouwen, door striemen en slagen geheel misvormd. Zij zag Zijne handen en voeten door wreede nagelen doorboord en al £ijnc ledematen uiteengerukt. Van het hoofd tot de voeten was onze Heilflnd slechts éene groote bloedige wond.

O Mijne ziel! heb toch eindelijk medelijden met uwen lijdenden Zaligmaker en de fel gefolterde Moeder van Smarten. Wat kan uw gezegende Verlosser nog doen, wat Hij niet gedaan heeft? Of zult gij alleen ongevoelig blijven, terwijl alle schepselen treurden over den gekruisigden Heer van hemel en aarde ? Zie ! de Engelen des vredes weenden bitter; de zon verduisterde, do aarde beefde, de steenrotsen barstten en de graven openden zich ; geheel de natuur was ontsteld : en gij, ondankbare zondaar, die uwen Jezus aan het Kruis hebt geklonken, gij zoudt niet schreien en weenen over uwe talrijke misdaden ? O Maria, Moeder van Smarten, bron van liefde, laat mij de hevigheid uwer pijnen gevoelen, opdat ik met U schreie. — Nu het voorwerp van hunnen haat aan het Kruis geklonken is, zullen de beulen zeker verzadigd zijn. Helaas ! de ontaarde wreedaards bespotten het Goddelijk Slachtoffer zelfs nog op

134

ocr page 137

135

Zijne pijnbank. Hoonend tocli spraken de Oversten der priesters met de Schriftgeleerden en Ouderlingen: „Anderen heeft Hij gered, zich zeiven kan Hij niet redden. Hij heeft op God vertrouwd, dat die Hem nu redde, als Hij verkiest ; Hij heeft immers verklaard : „Ik ben de Zoon Gods.quot; Hierbij sloten de soldaten zich aan; ^Zoo Gij de koning der Joden zijt, red U zeiven.quot; Ook de moordenaars, die met den Heer gekruisigd waren, beleedigden Hom. En Maria was getuige van al deze verguizingen. Zij hoorde, zegt de H. Brigitta, hoe haar Goddelijk Kind werd uitgekreten als een dief, een bedrieger, een booswicht, die duizendwerf den dood verdiend had; en al die versmadingen waren oven zoovele zwaarden voor haar teeder minnend moederhart. „Zij weende,quot; zegt Nebri-dius, „om de folteringen van haar Kind, en Zij besproeide den ganschen bergtop door den vloed barer tranen.quot; O mijne ziel, stel u aan de voeten van Jezus' Kruis en ween met de bedrukte Moeder, aan de felste droefheid ter prooi om wille van haar Kind, dat lijdt en sterft om uwe zonden.

Oefening van deugd. Niet anders willen kennen, dan Jezus den gekruisigde ; in niets anders roemen, dan in Christus en Zijn kruis.

Schietgebed. Heere Jezus! kruisig mijn vleescb met al deszelfs begeerlijkheden. Amen.

ocr page 138

mater dolorosa.

Voorbeeld.

Onze Goddelijke Zaligmaker verscheen op zekeren keer aan de Eerw. Zuster Diomira, kloosterling te Florence, enzeidehaar: .Mijne dochter en mijne bruid, denk aan Mij en bemin Mij, dan zal Ik aan u denken en u beminnen.quot; Tegelijkertijd bood Hij haar eenen bouquet van bloemen aan, in wiens midden zich een kruis bevond. De lieer wilde haar indachtig maken, dat de vertroostingen zijner Heiligen, hier op de wereld, altijd van kruisen en lijden vergezeld moeten gaan. Het kruis toch brengt de zielen nader tot God.

136

ocr page 139

op

ACHTTIENDE FEBRUARI.

5s-;li-

■ü.

lis

n, gt;P

Vijfde Smakt

Tweede verhandeling: De goede moor-deuaar.

o-

dc, scliijnheilige Farizeërs tegen Jezus uit-gebracht; „Deze ontvangt zondaren,quot; geldt evenzeer tegen Maria, die, om haar medelijden jegens de geestelijke zieken, welke don hemel-schen Geneesheer behoeven, door de H. Kerk de „Toevlucht der zondarenquot; genoemd wordt. Gelijk Eva, door vermetel van den boom der kennis van goed en kwaad te eten, in Adam alle menschen tot de slavernij bracht, zoo heeft Maria, door de smarten van den kruisboom in zich op te nemen, verzadigd van bitterheid, te gelijk met haren Zoon de menschheid vrijgekocht. Zij stond, zoo spreekt Alexander van Hales, ter linker zijde van het Kruis van Chris tus, om haren Zoon te bidden voorde zondaren,

c voor ons zoo gelukkige beschuldiging door

ocr page 140

MATER DOLOROSA.

die staan aan den linker kant des Heeren. De eerste nu, die hare voorspraak inoeht ondervinden, was Dismas, de moordenaar, die ter rechter zijde van Jezus gekruisigd werd. Onder den dekmantel en de bescherming' van Maria, zegl Novarinus. was de g'oede moordenaar, die met Christus aan het kruis werd geklonken, volgens veler gevoelen, voornamelijk door de gebeden van Maria tot Christus bekeerd. Vernemen wij hierover het getuigenis van den H. Petrus üamianus; „Hieraan heeft de goede moordenaar zijne bekeering te danken, dat Maria, staande bij de kruisen van haren Zoon en van den moordenaar, haren Zoon voor den moordenaar gebeden heeft.quot; De H. Anselmus, voegt hierbij, dat deze roover een Egyptenaar was, die Maria, toen Zij met haar Kind naar Egypte voortvluchtig was, om het zwaard van Herodes te ontkomen, op bijzondere wijze beschermd had, zoodat Maria, ter belooning van dezen vroegeren dienst, haren Zoon vurig voor den moordenaar gebeden heeft.

Aan vele anderen evenwel komt het veel waarschijnlijker voor, dat de Koningin der Martelaren hierom bij haren Zoon het paradijs voor den goeden moordenaar heeft verworven, omdat hij alleen, ten aanschouwe van allen, openlijk de onschuld en de Godheid van haren Zoon verdedigd heeft. Wel groot en levendig was het geloof van Dismas. Immers, terwijl de voor-

138

ocr page 141

VUFDR SMAP.T.

139

bijgangers al lasterende hunne hoofden tegen den gekruisigden Heiland schudden; toen de Overpriesters, Schriftgeleerden en Ouderlingen des volks 's Heeren wondermacht en Godheid bespotten; als de soldaten Zijn koningschap hoonden en de kwade moordenaar Christus' zending betwijfelde, verdedigde do goede moordenaar Jezus' onschuld, zeggende; „Wij lijden rechtvaardig ; want wij hebben loon naar werken ontvangen, maar Deze heeft niets kwaads bedreven.quot; Tegelijk ook erkende hij do. Godheid van Christus; want zich tot Jezus wendend sprak hij ; „Heer, wees mijner gedachtig, wanneer Gij in Uw rijk zult komen.quot; De deelgenoot van Maria's smarten, zegt Simon Gassiamis, is ook de deelgenoot in haar geloof: hij de belijder van Christus en de verdediger Zijner onschuld. Maar dien dienst, aan haren Zoon bewezen, heelt Maria door hare vurige gebeden tot haar Goddelijk Kind vergolden. En de Zoon, die Zijne Moeder niets kan weigeren, heeft oogenblikke-lijk hare smeekbede verhoord. Aanstonds toch ontving de goede moordenaar het troostrijke antwoord des Zaligmakers: „Voorwaar, Ik zeg u: heden zult gij met Mij in het paradijs zijnquot;. Bij do overweging van deze grootmoedige ont-ferming des Heeren en van deze belofte eener waarlijk goddelijke mildheid, spreekt do H. Cypri-anus den Heiland aldus toe : „Wat hebt Gij, o Heer, aan den H. Stephanus meer bewezen dan

ocr page 142

140 MATKT! nOLOHORA,

aan dezen zondaar ? Wat heelt de beminde leer- uit v

ling meer van U verkregen, die bij hot laatste tot H

Avondmaal aan Uwe borst rustte? Welk grooter teres,

loon hebt Gij aan duizend anderen gegeven mint!

voor hunne veel grootere moeite en arbeid, voor en li-

de kwellingen en het lijden, die menigeen zoo hIuH

vele jaren om uwentwil verdragen heeft? Waar- phon

mede vergoldt, Gij de vele wonden der Martelaren? gram

In één uur, ja in nog kortoren tijd heeft deze wij g

moordenaar die belooning ontvangen, voor wier dienc

bezit zoovele anderen gedurende hunnen gan- van

schen levensloop zoo menigen druppel zweet bami

moesten storten.quot; „Deze roover,', zegt do H. nard

Joannes Chrysostomus, „roofi zich het hemelrijk. wen(

De Heiland,quot; zoo gaat hij verder, „kon en wilde inge

het bedorven hart des roovors bekeeren, opdat uwe

te. allen tijde Zijne Godheid zoude erkend wor- vert;

den.quot; Wij haasten ons hier nog oen paar andere y.olv

redenen bij tc voegen ; „God heeft dien goeden mijn

moordenaar in zijn uiterste in genade aangeno- U ;

men, opdat voor alle toekomende eeuwen do ik I

macht van Maria's voorspraak zoude blijken, en mij

opdat nooit eonig zondaar, hoe diep ook geval- van

Ion, aan zijne zaligheid zoude wanhopen. Aan won

do H. Brigitta toch heeft Maria verzekerd ; „Ik voo

ben de Moedor van alle zondaren, die zich wil- het

Ion bo,koeren.quot; „Gelijk oene goede moeder,quot; zoo ; des

spreekt Richardus, „haar kind onder haren man- de

tel verbergt, wanneer de vader zijne hand opheft C

om het te slaan, zoo neemt Maria allen op, die, gei

i

ocr page 143

141

leer- ui(; vrees voor de gerechtigheid van Christus, itste lot; Haar hunne toevlucht nemen.'' „Onze Mces-löter teres,quot; zoo verklaart de H. Bonaventura, „be-)veu inintallen ,komt' allen ter hulp, bidt voor allen roor en treedt voor allen als voorspreekster op; Zij Z00 sluit niemand van hare liefde uit.quot; De H. Ilde-ilarquot; phonsus, Maria aansprekende, verklaart; „Om de 'en? gramschap van den Rechterte verzoenen, kunnen leze wij geen machtiger hulp vinden dauü, diever-^101' diend hebt Moeder te zijn én van den Verlosser èn 'fulquot; van don Kechter.quot; „ Dat men zwijge over uwe ,ec' barmhartigheid, o heilige Maagd,quot; roeptde H. Beril. nardus uit, .,zoo er iemand is, die in zijne nood-'jk- wendigheden tevergeefs uwe voorspraak heeft 1de ingeroepen.quot; 0 mijne ziel, al waart gij dan door dat UWo zonden rood als scharlaken, werp u vol orquot; vertrouwen in de armen uwer Moeder, draag u 3re zelve, met den H. Bernardus, aan Haar op; „O 011 mijne goedertierene Meesteres, ik beveel mij aan ,0quot; IJ; tot U, de eenige hoop der ellendigcn, neem de iic heden vol vertrouwen mijne toevlucht; wil cn mij toch niet afwijzen, goede Moeder, terwille al- van Hem, die uit liefde tot mij naakt en door-1511 wond voor U aan het Kruis hing. — Zij, die voor den goeden moordenaar den lusthof van il- het paradijs ontsloot, zal ook voor u „de Deur , des hemels zijn,quot; als gij uwe schuld belijdt en nquot; de eer van haren Zoon verdedigt, 'ft Oefening van deugd. Zich iederen mor-e, gen en iederen avond stellen onder de be-

1

ocr page 144

MAT 10 li DOLOROSA.

schermiiig onzer goede Moeder Maria.

Schietgebed. O, Maria, Toevlucht der zondaren, bid voor mij. Amen.

Voorbeeld.

Een jongeling- te Perug'ia had zijne ziel aan den duivel verkocht. Het contract met satan was met zijn bloed onderteekend. Toen liet liclsclj serpent zijne verplichting was nagekomen,bracht het den jongeling bij een diepen put en dreigde hem daarin te zullen werpen, als hij er zich zeiven niet instortte. Onze arme zondaar stond op den rand van den put, doch bezat den moed niet zich er in te werpen. Daarom zeide hij tot den Satan : „werpt gij er mij in, zoo gij mij wilt doodenquot;. Do duivel hernam : ,Leg dan eerst uw scapulier af van O. L. V. der Zeven Smartenquot;. Toen schoot er een straal van hoop in liet wanhopige hart van den jongeling. In dat scapulier zag hij een laatste bewijs van de bescherming der allerzaligste Maagd en Moeder Gods Maria. Hij weigerde nu halsstarrig zijn scapulier at' te leggen. Na een heftigen woordenstrijd moest do vorst dor hel zijno prooi prijsgeven. Oogenblik-kelijk ging onze jongeling der Moeder van Smarten zijne dankbaarheid betuigen. Hij deed boetvaardigheid en liet, ter eeuwige gedachtenis, deze wondervolle geschiedenis schilderen boven het Maria-altaar in de kerk te Perugia.

ocr page 145

NEGENTIENDE FEBRUARI.

VIJFDE SMART.

Derde Verhandeling: „Ecce Mater tuaquot;.

quot;quot;perwijl Maria door liare voorbede voor den JL goeden moordenaar liet paradijs had geopend, en deze erfgenaam was geworden van liet rijk des hemels, bleef' Zij zelve in het dal dor tranen, om den kelk des lijdens tot den bodem toe te ledigen. „Onder het Kruis van haren veel geliefden Zoon was Zijquot;, zegt de H. Laurentius Justinianus, „in de innigste beschouwing doorgedrongen tot het binnenste der wonden Zijner heilige handen en voeten; Zij overwoog de pijnen van elk lid Zijns lichaams cn vond overal overvloedige verzadiging van leed en droefenis. Ja, de pijnen cn folteringen van haren beminden Zoon drukten zich zóó diep in haar moederlijk hart, dat daarin, als in eenen helderen spiegel, alles klaar en duidelijk werd teruggekaatst, wat onze geliefde Heiland te lijden

ocr page 146

MATER DOLOROSA.

had ; on, gelijk Zij alle anderen in genade, heiligheid en verdienste verre te boven ging, zoo overtrof Zij ook allen in smart, droefheid en lijden.

Toen nu de goede Heiland Zijne zoo diep bedroefde Moeder aanzag, riep Hij, met de oogen op Zijnen lievelingsleerling, Joannes, duidend. Haar toe: „Vrouw, zie uw zoon: dan keerde Hij Zijn allerheiligst aangezicht ook naar den Leerling en, terwijl Hij hem, door een wenk Zijner oogen. Zijne bedroefde Moeder aanwees, sprak Hij tot hem: „Ecce Mater tua: zie uwe Moederquot;. Do Zaligmaker sprak Zijne Moeder aan met den titel van „Vrouwquot;, om hare groote kloekmoedigheid van ziel te kennen te geven, alsmede om die uitgelezene Vrouw aan te duiden, welke in het paradijs beloofd was: „Ik zal vijandschap stollen tusschon u en do Vrouw, Zij zal u den kop vorplotterenquot;. Die woorden nu van Jezus tot Maria gesproken, moeten onze harten met medelijden jegens de Koningin der Smarten vervullen. „Zou het wel mogelijk zijnquot;, zoo vraagt do H. Ansolmus aan lederen waren voreerder van Maria, „dat gij geene tranen van medelijden stort, als gij de tranen van Onze Lieve Vrouw zoo overvloedig ziet stroomen yquot; Kunt gij het zonder zuchten en weenen aan-hooren, dat do Goddelijke Zoon stervend Zijne Moeder toespreekt: „Vrouw, zie uw zoon! Immers, welk een ongelijke ruil en bedroevende verwisseling was het, zooals de H. Bornardus be-

144

ocr page 147

VIJFDE SMART.

145

merkt, dat aan deze diep bedroefde Moeder, in plaats van Jezus, Joannes; in plaats van den Meester, de Leerling-; in plaats van den waren God, louter een mensch gegeven werd, en Zij dezen werd aanbevolen ? Al waren ook onze harten geheel onverschillig', meent de bovengenoemde Kerkleeraar, dan moesten zij toch door smart en medelijden bewogen worden, als wij het lijden van onze bedroefde Moeder slechts een weinig overdachten. Doch, naast het medelijden, opgewekt door de wonden des Heeren tot Zijne Moeder, wordt ons hart ook vervuld van blijdschap door Jezus' toespraak tot den Leerling', die ons allen op den Calvarieberg- vertegenwoordigde, en ook voor ons Maria tot Moeder ontving in die woorden : ,,Eccc Mater tua : zie uwe Moederquot;. Hierover zegt Dionysius de Karthuizer: „Die uitverkorene Leerling' vertegenwoordigde alle Christenen, derhalve, gelijk Christus tot Joannes zeide: „zie uwe Moederquot;, zoo schonk Hij Zijne Moeder ook aan alle Christenen tot Moederquot;. Van dat oogenblik af ook heeft Maria ons al hare moederlijke liefde geschonken en ons allen onder hare trouwe hoede genomen. De goedertierene Zaligmaker wilde ons niet als weezen achterlaten. Reeds had Hij Zijnen Leerlingen in het onuitsprekelijk Geheim Zijner liefde de blijvende tegenwoordigheid van den Meester verzekerd, nu vermaakte Hij Zijnen kinderen bij testament nog bovendien Zijne

10

ocr page 148

146 MATER DOLOROSA.

eigene Moeder. Hierover juicht en jubelt de H. ver

Bernardus: „O, hoe milddadig hebt Gij U ge- mol

toond, Gij, groote Koning eu Bruidegom, zoetste lan

Jezus! Op den dag toen Gij U aan ons verloofd i'011

hebt in Uw Bloed! Hoe overvloedig hebt Gij de

alles, wat Gij bezeten hadt, onder ons uitgedeeld ! uw Uwen beulen schonkt Gij eene liefderijke voor-

bede bij Uwen Vader; den moordenaar beloof- hoe

det Gij het paradijs ; aan uwe Moeder gaaft Gij de

eenen nieuwen Zoon ; Haar echter vertrouwdet ter

Gij tot Moeder aan Joannes, en daardoor ont- se'

vingen wij allen, die naar de ziel gestorven he

waren, leven, troost en blij vertrouwenquot;. Daarom lij'

ook spreekt Hugo van St. Victor blijmoedig allen zy

zondaren troost eu moed in, als hij uitroept: ê'a

„O, zondaar, die der wanhoop nabij zijt, ziedaar de

uwe Moeder, die Moeder namelijk, die tegelijk on

is Moeder Gods en Moeder der menschen. Moeder nl

des Rechters en Moeder des schuldigen; Zij kan da

niet toelaten, dat tusschen deze beide broeders, or

hare kinderen, tweedracht heerscht. ds

Is echter Maria uwe Moeder, o zondaar, dan de

is Jezus, haar Goddelijke Zoon, uw Broeder en ^

Zijn Vader, uw Vader en dus ook Zijn hemelsch di

rijk uw erfdeel.quot; Wanneer de bekoorder ons gt;'lt;

zijne strikken spant, de wereld hare lagen legt, g en het bedorvene hart zijne booze neigingen

doet gevoelen, dan hebben wij een veilige wijk- w

plaats onder den dekmantel onzer goede Moeder 11

Maria. Bij eiken strijd kunnen wij ons zeker 0

l

ocr page 149

VIJFDE SMART.

II. verlaten op hare hoede en bescherm ing-. Hierom

je- mogen wij Haar met den H. Thomas van Vil-

ste lanova toeroepen : „Gelijk de kuikens bij het

)l'd rondvliegen der haviken zich verschuilen onder

5ij de vleugels der hen, zoo verbergen wij ons onder

d ! uwe vleugelen. Wij kennen geen ander toe-

or- vluchtsoord dan U, Gij alleen zijt onze, eenige

of- hoop, waarop wij vertrouwen.quot; „Gij,quot; zoo spreekt

3ij de H Bernardus Maria aan, „trekt den zondaar

let terug van den afgrond der wanhoop. Gij ver-

it- schaft hem de medicijn der hoop en verlaat

en hem niet, totdat Gij hem met den verschrikke-

m lijken Rechter verzoend hebt.quot; O zondaar, al

311 zijn uwe zonden hoog boven uw hoofd gewassen,

t: ga tot uwe Moeder Maria. Vlucht tot dien Boom

ar des levens, midden in het paradijs geplaatst,

jk onder Zijne schaduw kan de eeuwige dood u

er niet treffen. Begeef u tot die Ark van Noë;

ui daar binnen zult gij ongedeerd den zondvloed

•s, ontkomen. Wend u tot dien Berg des heils, daar zult gij beveiligd zijn tegen het bederf en

ii den ondergang der zondige wereld. Maar zal

m Maria uwe Moeder en Beschermvrouw wezen,

;h dan moet gij naar het voorbeeld van den H.

is Joannes u ook als haar kind en haar dienaar

t, gedragen.

n Gij moet met den Leerling uwe Moeder in de

c- woning van uw hart binnenleiden. Haar be-

H- minnen als de Moeder der schoone liefde, Haar

;r oprecht liefhebben en kinderlijk medelijden heb-

i

147

ocr page 150

148 mater dolorosa.

ben met de Moeder van Smarten. Zeg Haar dan: „O, Moeder van Jezus, ik neem ü in dit oogenblik aan als mijne Mceder, zuiver mijn hart van alles, wat U daarin mishaagt, wees mijne Beschermvrouw en aanvaard mijnen nede-rigen dienst, om uwe eer te bewaren en te bevorderen ; voor alles echter, Moeder, bid ik U, om de bittere tranen, die Gij geschreid heb, wil mijn hart tot kinderlijk medelijden stemmen, opdat ik, vervuld van mededoogen met uw lijden, oprecht met u treure en alles vermijde, waarmede ik het hart mijner Moeder andermaal zoude bedroeven.quot;

Oefening van deugd. Onzen stervenden Verlosser vurig bedanken voor het groote geschenk ons in Zijne Moeder gegeven.

Schietgebed. O Maria, Moeder van God en ook mijne Moeder, laat mij altijd uw oprecht kind wezen. Amen,

Voorbeeld.

Hieronymus Aemilianus gaf zich, gedurende zijne militaire loopbaan, aan alle soort van ondeugden over. In den oorlog viel hij in de macht der vijanden en werd in een kerkertoren opgesloten. In zijn rampspoed voelde hij de werking der genade. Daaraan beantwoordend, besloot hij zijn leven te beteren en zijne toevlucht te nemen tot de allerheiliaste Maagd

ocr page 151

VIJFDE SMART.

149

Maria. Geholpen door den bijstand dezer goede Moeder, bekeerde hij zich volkomen. Voortaan was hij een toonbeeld van deugd. Hij stichtte de congregatie der Somasken en stierf in geur van heiligheid. Benedictus XIV nam hem op in de rei der Gelukzaligen, en Clemens XIII plaatste hem onder het getal der Heiligen.

ocr page 152

TWINTIGSTE FEBRUARI.

Vijfde Smart.

Vierde verhandeling. De dood des Heeren.

quot;V T T'anneer Agar door haren meester, Abraham.

VV weggezonden was, zwierf zij met haar kind Ismaël in de woestijn Bersabee. Als dan het water uit hare kruik verbruikt was, legde zij haren zoon onder een boom neder en verwijderde zich een boogschot ver, zeggende : „Ik kan mijn kind niet zien sterven''. En van verre zat zij te klagen en te schreien. Doch zóó was het niet gesteld met de bedruktste aller moeders, onze kloekmoedige Vrouw en heldhaftige Maagd Maria. Al bleven ook de andere vrouwen, Maria Magdalena en Maria de moeder van Jozef met Salome en Veronica, van verre het droevige schouwspel van Calvarië gadeslaan ; Maria stond naast het Kruis van haren stervenden Zoon. Op hare teenen staande, zegt de H. Bernardus, stak

ocr page 153

VIJFDE SMAKT.

151

Zij hare harden in de hoogte, om het gepurperde Kruis te omhelzen en te kussen ter plaatse, waar het allerkostbaarste Bloed van haar Kind afvloeide. De H. Bernardinus van Siëna gaat nog verder, als hij den H. Evangelist toespreekt: „Gij hebt te weinig gezegd met op te teckenen : , „Naast het Kruis van Jezus stond Zijne Moederquot; Zij toch naderde veel dichter bij het Kruis dan elk ander, daar Zij niet alleen naast het Kruis stond, maar in waarheid met hare gefolterde ziel aan het Kruis hingquot;. Met het lichaam onder het Kruis en met haren geest aan het Kruis, bleef Maria geduldig wachten, totdat haar Zoon Zijn allersmartelijkst lijden met volle gelatenheid en onbegrensde liefde tot ons zoude volbracht hebben. Hare smarten mochten onpeilbaar diep zijn als de wateren van den Oceaan, de Gezegende Maagd bleef daar, volgens de meening van den H. Petrus Canisius, om der toekomende eeuwen een gedenkwaardig voorbeeld na te laten van haren moed en standvastigheid, die door den grootsten tegenspoed moesten beproefd worden, zoodat noch kwelling, noch angst, noch gevaar, noch zwaard, noch dood, noch leven, noch eenig schepsel Haar kon scheiden van de liefde van Christus, met Wien Zij door al de krachten harer ziel vereenigd was. En wel zwaar beproefd werd in die bange stonden haar teederminnend moederhart. „Ik ongelukkige en ellendigequot;, zoo verklaarde Maria aan

ocr page 154

MATER DOLOROSA.

152

den H. Bernardus, „zag- mijn God en mijn Zoon aan het Kruis hangen en den schandelijksten dood sterven; toen werd ik door droefheid en smart zóó getroffen, dat het niet in woorden is weer te gevenquot;. Om de zonden van Zijn volk had de hetnelsche Vader Zijnen Zoon willen vermorzelen in Zijne zwakheid; en zie, drie volle uren reeds was Maria getuige van dit wraakgericht des hemels. O noodlottig en huiveringwekkend schouwspel voor eene moeder! haar Kind en haar God ter prooi to zien aan de ergerlijkste bespotting, in de felste smarten en de hoogste noodwendigheden, tus^chen moordenaars opgehangen aan het vloekhout des Kruises, doorwond en verscheurd, worstelend met den dood, door aarde en hemel verlaten, zoodat Hij iiitriep : „Mijn God, Mijn God, waarom hebt Gij Mij verlaten?quot; Vlijmende woorden, die feller dan het scherpste zwaard het hart van Maria doorkliefden. Over dien uitroep toch getuigde Maria aan de H. Brigitta : „Dat woord is nooit nit mijne gedachten geweest, totdat Ik ten hemel werd opgenomen ; het was meer gesproken uit mede • lijden jegens Mij, dan om eigen kwellingquot;. In-tusschen was de doodstrijd des Heeren begonnen. Zijne stervende oogen, die Hij nu en dan opende om Zijne Moeder een laatst vaarwel toe te roepen, waren vervuld van bloed; Zijn half geopende mond zou nog slecht een paar woorden uitbrengen. Geheel Zijn lichaam, eene groote

ocr page 155

VIJFDE SMART.

gezwollen wond, werd bleek en loodkleurig.

Het werk, Hem door den hemelschen Vader opgelegd, de schulddelging der gevloekte mensch-heid, naderde zijne voltooiing. Als dan onze gezegende Verlosser den dood voelde naderen, zeide Hij, om Zijne Moeder te troosten met het einde Zijner tormenten en folteringen: „Het is volbracht.quot; 0 Maria, hoe duur kwam U deze troost te staan! Uw Kind, uw eeniggeboren Zoon wreed mishandeld, als de laagste der menschen, eenen melaatsche gelijk, in dien deemiswaar-digen toestand te zien sterven, voor het heil der menschheid. O, mijne zondige ziel, zoo gij nog eenig gevoel van medelijden bezit, ween dan met de bedruktste aller vrouwen, mochten toch dag en nacht uwe tranen vlieten, want om uwentwil is Maria de Moeder van Smarten ! — Wanneer de veldheer Joab, om eene samenzwering met Adonias en Abiathar, door koning Salomon ter dood veroordeeld was, vluchtte hij naar den tempel des Heeren en omvatte hen altaar. Als hem gelast werd het altaar te verlaten, sprak hij : „Ik zal niet heengaan, maar hier sterven.quot; In gelijke stemming stond onze Moeder Maria bij het altaar des Kruises, waaraan haar Zoon hing te sterven. Mochten ook dood en verderf Haar treffen, daar wilde Zij leven en sterven. Eu dat Zij niet gestorven is, geschiedde door een wonder van Gods almacht, die de wreeda'efolterde Maagd in het leven be-

153

ocr page 156

154 MATER DOLOROSA.

hield. De heldhaftige Moeder ging steeds voort haar Kind aan den hemelschen Vader op te dragen als een welgevallig zoenoffer voor ons heil en onze zaligheid, zoodat wij hier op Maria mogen toepassen, wat de H. Paulus van Jezus zeide : „Wie Maria niet bemint, hij zij gevloekt.quot; Eindelijk waren de laatste oogenblikken van Jezus genaderd. De God-mensch, die God met de menschen verzoend had, stond op het punt deze aarde te verlaten en riep met luider stemme: „Vader, in Uwe handen beveel Ik Mijnen Geest.quot; Bij het hooren dezer woorden, zoo verklaart Maria aan de H. Brigitta, sidderden al mijne ledematen, om de bittere droefheid mijns harten. En zoo vaak Ik in latere dagen die woorden overwoog, hoorde Ik ze telkens luide in mijne ooren weerklinken. Ten slotte riep de stervende Verlosser en Zaligmaker andermaal met luider stemme, boog Zijn heilig hoofd en gaf den geest. De H. Paulus voegt hier aan toe, dat de Heer stierf met luid geroep en tranen.

Dit met tranen gepaarde geroep nu, werd, volgens den H. Hilarius, veroorzaakt door de hevigheid der smart, welke als een geslepen dolk door Jezus' ziel drong bij de gedachte, dat Zijn bitter lijden voor zoovele menamp;ehen ijdel en vruchteloos zoude zijn. De H. Joannes Chrysostomus meent, dat de Heiland met zulk een luide stem geroepen heeft, om daardoor Zijne almachtige Godheid te bewijzen, dat Hij

ocr page 157

VIJFDE SJIAHT.

155

namelijk Zijne heilige ziel geheel vrijwillig, zonder dwang cn niet door natuurlijk gemis aan krachten uitademde. Ons wil het bovendien met den godvruchtigen Ginther toeschijnen, dat de stervende Zaligmaker alle zondaars nadrukkelijk heeft willen toeroepen: „Tot nu toe heb Ik u zonder ophouden gepredikt, voortaan zult gij Mijne stem niet meer vernemen, daarom roep Ik u voor de laatste maal toe : „Bekeert u tot Mij, Uwen Heer en Uwen Godquot;. O mijne /.on-digc ziel, tot u heeft Jezus geroepen; .Wat verheft gij u, stof en asch, terwijl Ik Mij vernederd heb tot den dood des Kruises! Wat verzamelt gij u aardsche schatten, vergankelijke goederen, terwijl Ik arm ben geworden, om u met genadegaven te verrijken? Wat loidt gij een aangenaam, vadsig en zinnelijk leven, terwijl Ik, om die schandelijke wonden uwer ziel, zoo wreed gegeeseld, verscheurd en vermorzeld quot;ben I _ Ja, goede Jezus, ik ben schuldig, groo-telijks schuldig, laat vrij Uwe stem in mijne ooren klinken, om mij van het pad der ongerechtigheid terug te roepen, opdat ik U niet andermaal kruisige in mijn zondig hart. — Na dien laatsten uitroep boog Jezus Zijn heilig hoofd en gaf don geest. Christus, zegt de H Vincen-tius Ferrerius, wilde met gebogen hoofd sterven, om Zijne Moeder vaarwel te zeggen. De godvruchtige Lansperg voegt hierbij : „De Zaligmaker wendde Zijn hoofd naar Zijne Moeder

ocr page 158

mater dolorosa.

toe, om haar Zijn laatsten groet te brengen. hoof Zoo wilde de gezegende Heiland, ter prooi aan vijai de hevigste angsten en felste smarten, Zijne heei Moeder smeeken zorg te dragen voor Zijn door- de 1 wond, verscheurd en vaneengereten lichaamquot;. niet O mijne ziel, mocht gij in het stervensuur ook gan u zelve zóó aan uwe Moeder kunnen aanbevelen! onzi Dat zal u zeker ten deel vallen, als gij met dezi Maria gaarne verwijlt onder het Kruis van haren Mar stervenden Jezus. ven

Oefening van deugd. In den geest dikwerf verwijlen op Calvarië en ons leven inrichten naar het voorbeeld, wat ons op den bei-g des heils is gegeven.

156

Schietgebed. Gekruisigde Verlosser! trek mij meer en meer tot U. Amen.

Voorbeeld.

Wij lezen in de H. Schrift, dat de kloekmoedige Judith, om haar vaderstad van de belegering en haar volk van een wissen ondergang te redden, haar leven in de waagschaal stelde, zoodat de hoogepriester Onias, wanneer zij met het afgehouwen hoofd van Holofernes, den aanvoerder der vijanden, Bethulië binnentrok, haar toeriep: .Gezegend zijt gij, dochter Israels, door den Heer onzen God boven al de vrouwen der gansche aarde. Gezegend de Heer van hemel en aarde, die uwen arm versterkt heeft, om het

ocr page 159

VFJFDE SMART.

:en. hoofd af te slaan van den aanvoerder onzer

lan vijanden ; omdat Hij heden uwen naam zoo rer-

jne heerlijkt heeft, dat hij niet zal wegsterven op

'or- de lippen des volks, voor hetwelk gij uw leven

tiquot;. niet gespaard hebt, maar dat gij van den onder-

)ok gang gered hebt, onder de hulp van den Heer

en! onzeu Godquot;. Men overwege voor zich zei ven

net deze voorafbeelding der allerzaligste Maagd

157

ren Maria, staande naast het Kruis van haren stervenden Jezus.

erf ten ies

3e-

?e-ng

ie, iet m-,ar or er iel et

ocr page 160

EEN EN TWINTIGSTE FEBRUARI,

Ze.sde Smart.

Eerste Verhandeliug-. Maria onder het Kruis van haren gestorven Jezus.

Maria, wier liefde tot Jezus sterker was dan de dood, kon, na liet afsterven van haar Kind, niet bewogen worden den lijdensberg- te verlaten. Zij geleek den ing-ewortelden cypres op het gebergte van Sion, die alle stormen en windvlagen trotseerde. O, mijne Meesteres, zoo spreekt de H. Bonaventura de Moeder Gods aan, waar staat Gij; is het naast het Kruis ? Ja zelfs op het Kruis wordt Gij gekruisigd, daar toch zijt Gij met uwen Zoon vastgehecht; Hij met het lichaam. Gij met het hart. En al quot;s Heeren wonden, over geheel Zijn lichaam verspreid, zijn in uw hart vereenigd: daar mijne Meesteres is uw hart met eene lans doorstoken, met doornen gekroond, bespot, gehoond, en door verguizingen verzadigd, met gal en azijn ge-aria, wier liefde tot Jezus sterker was dan de dood, kon, na liet afsterven van haar Kind, niet bewogen worden den lijdensberg- te verlaten. Zij geleek den ing-ewortelden cypres op het gebergte van Sion, die alle stormen en windvlagen trotseerde. O, mijne Meesteres, zoo spreekt de H. Bonaventura de Moeder Gods aan, waar staat Gij; is het naast het Kruis ? Ja zelfs op het Kruis wordt Gij gekruisigd, daar toch zijt Gij met uwen Zoon vastgehecht; Hij met het lichaam. Gij met het hart. En al quot;s Heeren wonden, over geheel Zijn lichaam verspreid, zijn in uw hart vereenigd: daar mijne Meesteres is uw hart met eene lans doorstoken, met doornen gekroond, bespot, gehoond, en door verguizingen verzadigd, met gal en azijn ge-

ocr page 161

ZESDE SMART. 159

laafcl. Waarom zijt Gij opgegaan, om voor ons geslachtofferd te worden? Was het lijden van den Zoon voor ons dan niet voldoende, tenzij ook de Moeder medegekruisigd werd? Voorzeker ! Maar de liefde van Maria voor Jezus en haar standvastige heldenmoed hielden Haar op den kruisberg ook na den strijd van Christus tegen den Satan, die Zij den kop verpletterd had. Zoo sloeg eenmaal op het gebergte van Ephraim de kloeke Debbora onder een hoogen palmboom den bloedigen strijd gade, waarin de veldheer Barach zoo gelukkig streed tegen Sisara, krijgsoverste van koning Jabin, dat schier geheel het leger der vijanden door Israël verslagen en Sisara zelf door de moedige Jahel met een houten pin door de slapen aan de aarde vastgehecht werd. Als haar Goddelijk Kind den palmboom des Kruises bestegen en deszelfs vruchten geplukt had, stond Maria onder dien Boom des levens, waardoor de Satan overwonnen was, die ons door den boom des doods had ten val gebracht.

Onze Moeder stond daar, zegt de H. Lauren-tius Justinianus, met bevende knieën en heesche stem, terwijl hare tranen overvloedig stroomden. Op de Moeder des Heeren mogen we hier de woorden van den Bruidegom irit het Hooglied toepassen : „Uwe oogen zijn als de bronnen van Hesebon,quot; wier wateren in stilte en zonder ge-druisch voortstroomen. De tranen toch onzer

ocr page 162

MATER DOLOKOSA.

bedrukte Maagd, over de» dood van haar Kind Ma

vloeiden zonder klagen en zuchten over den nai

Calvarieberg, maar uit welk een bloedend hart g'elt; welden zij op! Wanneer de H. Gregorius de j voi Groote in zijne overweging met bijzondere aan- 1 stil dacht de overvloedige tranen aanschouwde, j goi

waarmede de H. Maria Magdalena de voeten offi des Zaligmakers besproeide, werd hij door haar i Pr

voorbeeld zóó bewugen, dat ook hij in tranen nn

wegsmolt. ,Wanneer ik nadenk,quot; zoo spreekt da

deze vrome Kerkleeraar, „over den tranenvloed de

van Maria Magdalena, kan ik eerder schreien, gr

dan een woord uitbrengen; de tranen dezer do

zondares toch moeten zelf het verhardste ge- mi

moed tot boetvaardigheid aansporen.quot; dr

Mogen deze uitspraak van den grooten dienaar he

Gods voor allen gelden, bij de beschouwing van ge

Maria's tranen, geschreid aan de voeten van do

Jezus' Kruis. O, mijne ziel! meng uwe tranen ge

mot die der Moeder van Smarten, welke uw wi

medelijden afsmeeken en u tot ernstige boet- vc

vaardigheid over uw zondig leven aanmanen. Si

Zie ! de Gezegend.-to der vrouwen houdt in moe- K

derlijke bekommering hare oogen strak gcves- H tigd op de wonden van haar Kind. Zeker, Zij di weet, dat Zijn lijden strekken zal tot heil der dlt; wereld, maar toch wordt haar moederhart ge- hf

drukt en haar boezem geprangd tot den dood d( toe door naamlooze ,smart. Zij zucht inwendig d( en tracht de opwellende tranen tegen te houden. ni

160

ocr page 163

ZESDE SMAKT. 161

Maar hare angst en hare kwelling vermeerderen, naarmate Zij die zoekt te onderdrukken. Doch geen klacht komt over hare lippen. De vrees voor de omringende Joden gebiedt haar het stilzwijgen. Evenwel van haar hart maakt onze goede Moeder eene levende, Gode welgevallige offerande. Met haar Zoon slachtoffert de mede-Priesteres en niede-Verlosseres zich zelve voor onze zonden, die Haar meer leed veroorzaken dan de wonden van haar Kind. O, mijne goe-dertierene Moeder ! ik beken mijne schuld, mijne groote schuld. Menigwerf heb ik den dood en de hel verdiend, maar zie goedgunstig neder op mijn leedwezen en laat mij vervuld worden van droefheid, gelijk uw hart van rouw en bitterheid overstelpt werd aan de voeten van uwen gestorven Jezus. Bid voor mij met uwen God-delijken Zoon tot den hemelschen Vader; .Vergeet, Vader, uw arm kind, want het weet niet, wat het doet.quot; Ja, mijne ziel, vrees uiet de voorspraak in te roepen van de Moeder der Smarten, die zelfs voor de beulen van haar Kind tot den hemelschen Vader gebeden heeft! Hooren wij hierover het getuigenis van Richar-dus de San Lorenzo; .Niemand mag voorgeven, dat de Moeder Gods de Joden haat, omdat Zij haar Kind tot den schandelijksten dood veroordeeld hebben; want zij, die op het punt stonden den eeuwigen dood in to gaan, achtte Maria uiet haar haat waardig, maar vele tranen en

11

ocr page 164

T

162 MATER nOLOKOSA.

het innigste medelijden; daarom nam de Deel- en

genoote van Jezus' liefde zoowel als van Zijn g-es'

kruis, haar toevlucht tot het gebed, om uit ge- Ha;

heel haar hart een beroep te doen op de vader- bet(

lijke ontferming: „Vader, reken hun deze mis- ond

daad niet toe, want zij weten niet, wat zij doen.quot; ond

En niet slechts uit liefde tot Jezus, en om te in

bidden voor de vijanden van haren Zoon, stond der

Maria onder het Kruis van Christus, maar ook Mo

om een voorbeeld van gelatenheid en volharding me

in de beproeving te schenken. Daarom moeten en

wij handelen naar het voorbeeld ons op den sne

lijdensberg verstrekt en Maria volgen onder het H.

Kruis des Verlossers. In het Kruis ook ligt ons da!

heil, ons leven en onze verrijzenis. En al wie het

zijn kruis met liefde en moed opneemt, zal den hei

last van Christus licht en Zijn juk zoet vinden. Va

De liefde verdraagt alles. vh Wilt gij, zegt Nouët in zijne Geestelijke Oefe- vei ningen, wilt gij uw kruis gemakkelijk en met na veel vrucht dragen? Bemin! De liefde was het hk zwaard, hetwelk Maria's hart en ziel doorboorde. va' De liefde tocli was de oorzaak harer smarten. wc Onze Moeder leed bovendien met heldenmoed, wf omdat Zij haar Kind en haar God zoo vurig lie beminde. Wanneer de Apostelen hunnen Mees- oo ter verlieten en in eene laffe vlucht hun heil in zochten, volgde Maria haren Zoon in den kerker nu en in den dood. Als Jezus dan aan zijn Kruis de ter rechter- en ter linkerzijde omzag naar hulp ro

ocr page 165

163

eel- en troost, volhardde Maria, de glorie van haar 5ijn geslacht, in de doodsangsten van haar Kind. ge- Haar Naam, zoo verklaart de H. Hieronymus der- beteekent „Ster der zee,quot; omdat deze Ster nooit nis- ondergaat. Toen het wereldgebouw, bij den ;n.quot; ondergang van de Zon der gerechtigheid dreigde i te in te storten, bleet' die Ster haar licht versprei-ond den over den Calvarieberg'. Daarom vereert onze nok Moeder de H. Kerk do Koningin des hemels ing met dien titel: „Wees gegroet, gij Ster der Zeequot; 'ten en roept zij hare voorspraak in : „Ster der zee, den snel den vallende ter hulp.quot; Maria, zegt de hot H. Bonaventura, doet dienst als Ster der zee, ons daar zij de schepelingen over de wereldzee, in wie het vaartuig der onschuld of der boetvaardig-den heid, heenvoert naar het strand van het hemelsch len. Vaderland. Daarom, mijne ziel, neem uwe toevlucht tot deze Ster, onder haar geleide zult gij efe- veilig varen over de onstuimige zee dezer wereld met naar de haven der eeuwige zaligheid. Hoor het hierover tot uwe bemoediging de schoone homilie Tie. van den H Bernardus: „Maria is die buitengenen. wone Ster, geplaatst boven de wijde wereldzee, led, waar Zij schittert door hare verdiensten en ver. irig licht door hare voorbeelden.... Wend toch uwe ies- oogen niet af van den glans dezer Ster, als gij leil in den orkaan niet wilt ontkomen. Alsdestor-ker men der bekoringen opsteken, als gij sloot op 'nis de klippen der kwellingen, aanschouw de Ster, ulp roep Maria aan. Als gij heen en weer wordt

ocr page 166

gt;

1B4 MATEK DOr,()T?OSA.

geslingerd, door de vloeden van hoovaardij, heb- vhi(

zucht en zinnelijkheid, aanzie de Ster, vlucht ond

tot Maria. Als gij om de merigte uwer zonden spn

en den rampzaligen toestand van uw geweten, zwa

bekommerd en beschaamd in den draaikolk der zuil

droefheid en in den afgrond der wanhoop dreigt gek

te vallen door de verschrikkingen van uw oor- Mij:

deel, denk dan aan Maria. In gevaren, in angsten moi

en twijfels, herinner u Maria, roep hare voor- dre

spraak in. Als gij Haar volgt, zult gij niet Wil

afwijken; als gij Haai smeekt, niet wanhopen. gij

Aan hare hand, valt gij niet; onder hare hoede, ver

behoeft gij niet te vreezen. Onder haar geleide, Pei

overvalt u geen vermoeienis; onder hare goed- bel

gunstigheid, vaart gij veilig de haven binnen.quot; die

Oefening van deugd. Naar het voorbeeld van Maria en onder hare bescherming zijn kruis standvastig' dragen tot het einde toe.

Schietgebed. O Maria, Ster dor zee, snel den vallende ter hulp.

Voorbeeld.

Joannes Pechamus, een Franciskaner monnik,

werd door zijne tegenstanders van eene zware misdaad beschuldigd bij den algemeenen overste,

den H. Bonaventura, die hem hiervoor streng bestrafte. Als dit onzen vromen kloosterling al te zwaar viel, en hij deze beleediging' niet met gelatenheid kon verdragen, nam hij zijne toe-

ocr page 167

ZESDE SMART. 165

ieb- vlucht tot het Kruisbeeld van Christus, waar-

cht onder de Moeder van Smarten stond. Heer! zoo

Jen sprak hij, hoelang moet ik nog- onschuldig' deze

en, zware beleediging' verduren ? Waaraan heb ik

der zulks verdiend? Daarop antwoordde hem de

'ig't gekruisigde Verlosser: „Pechamus! wat was

gt;or- Mijne schuld, om opgehangen te worden tusschen

ten moordenaars. En wat had Mijne Moeder mis-

)or- dreven. Zij, de deelgenoote van al Mijn lijden ?

liet Wil u derhalve niet al te zeer ontstellen, als

en. gij niet aanstonds verkrijgt, wat gij van God

ide, verzoekt. Op dit woord van Christus begon

de, Pechamus te schreien en liet verder al zijne,

ed- belangen aan de. Goddelijke Voorzienigheid over,

n.quot; die ze met een gunstigen uitslag bekroonde.

-an uis

leu

u-e ite, ng ■ al iet oe-

ocr page 168

TWEE EN TWINTIGSTE FEBRUARI.

Zesde Smakt.

Tweede Verhandeling, De Lanssteek.

T ii do wet van Mozes was voorgeschreven, dat 1 men de gedooden, die aan het schandhout waren opgehangen, nog op denzelfden dag afnemen en begraven moest. Evenwel niet uit ijver voor de wet, opdat niets aan de glorie van den grooten Sahbathdag zou ontbreken, en zij in ongestoorde vreugde hun Paaschfeest konden vieren, maar om hunnen haat teg'en Jezus nog meer te koelen, gingen do verstokte Schriftgeleerden en Farizeërs naar Pilatus met het verzoek de beenen des Gekruisigden te laten verbrijzelen. Zoo de Christus nog leefde, zouden zij Hem eene nieuwe en zeer pijnlijke marteling aandoen, zoo Hij reeds gestorven was, wilden zij Hem minstens, na Zijnen dood nog mishandelen en versmaden.

Pilatus willigde hun verzoek in. Als dan de soldaten, tot dit werk afgezonden, op den Cal-

ocr page 169

ZESDE SMART.

167

varieberg gekomen waren, braken zij de beenen van den goeden en den kwaden moordenaar. Toen zij nu hunne ijzeren werktuigen naar Jezus richtten, sidderde Maria over al hare ledematen. Zij bad de beulen, zegt de H. Bona-ventura. Zijne beenen niet te verbrijzelen : „Laat at', mijn Zoon is reeds gestorven, bespaart Hem deze nieuwe beleediging, bespaart Zijne arme Moeder deze nieuwe foltering! De krijgsknechten ziende dat Jezus dood was, traden terug, doch een hunner, Longinus genaamd, richtte met forsche hand zijne lans op Jezus' zijde en doorstak onstuimig het hart des Zaligmakers, waaruit oogenblikkelijk bloed en water vloeide, •s Heeren gebeente mocht niet gebroken worden, maar de volkeren moesten komen tot Dengene, dien zij doorstaken. De gezegende Verlosser, die ons mot een geringen zucht, een enkelen traan ol met een druppel bloed, had kunnen verlossen, toonde dat Hij de Zijnen ten einde toe lief had. Op dezen dag opende Hij voor het huis van David en voor de bewoners van Jeruzalem eene breede bron ter zuivering van zonde en onreinheid. De Heiland wilde, zoo verklaart Paus Innocontlus IV, dat. na Zijnen dood. Zijne zijde geopend werd, opdat door het uitstroomende bloed en water Zijne Bruid zoude gevormd worden: de geheel eenige, onbevlekte, maagdelijke en heilige moeder, de Kerk. O allerzaligste Wonde, zoo vervolgt diezelfde Opper-

ocr page 170

MATER DOLOROSA.

168

herder, waardoor ons zoovele en zoo groote gaven der goddelijke goedertierenheid zijn toegestroomd ! O gezegende Lans, die ons zooveel goeds gebracht en tot de glorie van zulk een triomf medegewerkt hebt! Door de zijde van Jezus te openen, ontsloot die Lans ons de poorten van het rijk des hemels ; door den Doode te wonden, heelde Zij onze wonden, en schonk ons het leven en do zaligheid. Gelukkige Lans, die door het bloed van den Onschuldige onze schuld hebt uitgewischt! O dood, roept de H. Augustinus uit, waardoor de dooden levend worden! Wat toch is zuiverder dan dit Bloed V Wat heilzamer dan deze Wond, voor ons geslagen, om de deur des levens te openen, vanwaar de Sacramenten der Kerk ons geworden zijn, zonder welke men het waarachtige leven niet kan binnengaan. Dat uitstroomende Bloed is gevloeid tot vergiffenis der zonden. Dat uitgestorte water, hetwelk den beker des heils tempert, dient tot afwassching en lafenis. Maar wat voor ons eene bron van zegening was, strekte Maria tot overmaat van lijden. Wanneer de rechtvaardige Josias, koning van Juda, in den strijd met den Egyptischen koning Nechao, het erfdeel der vaderen met leeuwenmoed verdedigde, werd hij op zijnen strijdwagen door een pijl in de borst doodelijk getroffen, zoodat hij in den bloei zijns levens sneuvelde. Die noodlottige pijl had het hart van al zijne

ocr page 171

ZESDE SMART.

te onderdanen gewond, want geheel Juda en Jeru-

e- zalem beweende den beminden koning. Maar

el nis die rampzalige wond van den koning Josias

ïu zoozeer het hart van geheel zijn volk kon trel-

m len, dat het hem vele dagen, ja een reeks van

r- jaren met do bitterste tranen betreurde, welk een

ie ontzettende, uitwerking en pijnlijke foltering moet

ik dan die wreede lanssteek veroorzaakt hebben in

s, liet teederminnend hart van de allerbedmktste

ie Maagd en Moeder Maria, toen liet hart van haar

J. Kind, den zachtmoedigen Koning Jezus, daar

id op Zijn triumfwagen van het Kruis, na vol-

? brachten strijd, zoo onmeedoogend werd door-

s- stoken? Ongetwijfeld, deze lireede Wond des

i- Heeren, waarin de ongeloovige Apostel Thomas

n later zijne hand legde, veroorzaakte aan het

n allerheiligste lichaam van Jezus, nu Zijne aller-

d heiligste ziel daarvan gescheiden was, geen nieuw

t- lijden ; maar naamloos groot was de smart, welke

Is daardoor aan Zijne Mooder werd toegebracht,

r Nadat uw Jezus den geest had gegeven, zoo

s, spreekt de H. Bernardus lot do Moeder van

r Smarten, werd Zijne ziel volstrekt niet getroffen

ii door de wreede lans, maar zij doorboorde uwe

i, ziel. Zijne ziel toch was reeds van het lichaam gescheiden, maar de uwe kon daarvan volstrekt

r niet verwijderd worden, zoodat het geweld der

t droefheid uwe ziel doorboorde, en wij U te

3 recht de Koningin der Martelaren noemen, in

) wie het zieleleed de smarten des lichaams verre

169

ocr page 172

170

te boven gaat. Christus, zegt de vrome Lans- Zoor

perg-, heeft de beleediging van deze verwonding fier

met Zijne Moeder gedeeld, zóó, dat Hij het let- het

sel bekwam, en Zijne Moeder do pijnen. Maria lans

zelve openbaarde aan hare godvruchtige dienares ongi

en getrouwe dochter, do H. Brigitta, dat, toen meo

Zij de niet bloed geverfde lans, welke de sold;iat wan

in het lichaam van haren Zoon gestooten en er mijr

weder uitgetrokken had, aanschouwde. Zij door fier

zulk eene felle smart werd aangegrepen, alsof hart

die speer haar eig'en hart doorboord had. Wel bovlt;

ontzaglijk groot was Davids verdriet, toon hij, stok

aan de poorten der stad Mahanaim gezeten, om ven

den uitslag van den strijd tegen zijnen zoon van

Absalom af to wachten, van de renbode vernam, slee

flat zijn zoon door drie lanssteken in het hart well

doorboord was. Ue overwinning zijner dapperen Moe

had voor den armen vader verder alle waarde boo:

verloren. Hij beweende den ondankbare, die van

tegen het vaderlijk en koninklijk gezag opge- dan

staan was, en sprak, zuchtend en klagend: kon

„Mijn zoon Absalom! ach, had ik mogen sterven wat

in uwe plaats, mijn zoon! mijn zoon, Absalom!quot; den

Maar onuitsprekelijk grooter was de droefheid alle

vpn Maria, toen haar Jezus, gestorven voor Zijne heil

wederspannige kinderen, door de lans van den do

soldaat doorboord werd. Toen sprak ook de be sne drukte Moeder, volgens het woord van den H. lam Bernardus; „O mijn Zoon, mijn Jezus, ware het 1 mei Mij gegeven met U en voor U te sterven, mijn out

ocr page 173

^-

ZESDE SMART. 171

ms- Zoon Jezus! Uw allerzacht moodiest hart, de troon

ling' der goddelijke liefde, de onschatbare losprijs van

'et- het menschelijk geslacht, is door eene ijzeren

aria lans doorstoken, en mijn hart leeft nog' en is

ares ongedeerd en zonder wond! O zwaard van Si-

oen nieon, toef niet. maar doorsteek ook mijn hart,

iaat want Ik kan niet leven zonder het Leven van

n er mijn leven! „En inderdaad, het was een wonder

ioor der goddelijke liefde, dat de Moedermaagd dit

ilsol hartverscheurend zieleleed overleefde. Dat nu

Wel bovengenoemde Absalom door drie lansen door-

liij, stoken werd. was, naar de mecning van don

, om vermaarden Sahneron, eene ware voorafbeelding

ïooii van den doorboorden Christus, die weliswaar

lam, slechts met ééne lans doorstoken werd, maar

hart welke te gelijk hot hart van Cbrlstus, van de

eren Moeder en van den beminden Leerling door-

arde boorde O mijne ziel, wilt Gij een waar kind

die van Maria zijn en een goede leerling van Jezus,

Pge- dan moet deze lans uw hart doorboren. Wat

end ; konden de Zoon en de Moeder nog voor u doen,

rven wat Zij niet gedaan hebben ? Heb dan medolij-

)m!quot; den met uwen gekruisigden Verlosser en Zijne

fheid allerheiligste Moeder, en smeek Haar bij Jezus'

Zijne j heilige hartewond, dat Zij u in de kwellingen en in

den de bekoringen niet verlate en u vooral tor hulp

3 be snelle in het hachelijk uur van sterven. Uw Hei-

n H. land toch, zoo verklaart de reeds aangehaalde Sal-

e liet meron, heeft die Wonde in Zijn gestorven lichaam

mijn ontvangen, ten bewijze, dat Zijne barmhartig-

ocr page 174

mater dolorosa.

hcid, zelfs na Zijnen, dood, nog in Hem leeft tot delging- der zonde. In de geopende rechterzijde, zoo leert de H. Bernardus, heeft de Heer ons een veilig toevluchtsoord bereid Daar is de poon des Heeren, waardoor do rechtvaardigen binnengaan en eene bestendige woning en rustplaats vinden. Gelijk de acht rechtvaardigen, die de deur der ark van Noë binnen gingen, het leven behielden, zoo zullen ook alle rechtvaardigen, die nu door de heilige zijdewonde van Christus, als door eene deur van genade, willen binnengaan, het leven en de zaligheid verwerven.

Oefening van deugd; Nooit wanhopen aan Jezus' onuitputtelijke liefde, die den zondaar ninmier toeroept: „De deur is reeds geslotenquot;, maar hem steeds uitnoodigt: „Kom ook gij, al is het laat; of in den nacht; of op welk uur ook; altijd zal voor u de deur der genade in liefde open staanquot;.

Schietgebed: Heer! doe mij open. Amen.

Voorbeeld.

Als allen, zoo verhaalt Nicephorus, van den kruisberg, uit vrees voor de beulen, wegvluchtten, bleef daar alleen 's Heeren heilige Moeder met den Leerling, dien Hij lief had, welke alles, wat voor of na den dood des Zaligmakers geschiedde, met eigen oogen gadesloegen en het

172

ocr page 175

ZESDE SMART.

173

len cht-;der les, ge-het

bloed en water, dat uit Zijne zijde wegvloeide, met de diepste godsvrucht en den grootsten eerbied in een beker opvingen. Ditzelfde wordt ook verhaald van de H. Maria Magdalena, die het Goddelijk Bloed, dat van liet altaar des Kruises afstroomde en door de voeten der god-delooze beulen onteerd werd, met stof vermengd in eene glazen vaas verzamelde. Deze vaas wordt nu nog dicht bij Marseille in Frankrijk bewaard en vereerd in de kerk van den 11. Maximinianus. Jaarlijks, op Goeden Vrijdag, na het voorlezen der Lijdensgeschiedenis, wordt het bloed in deze vaas helder, warm en vloeiend.

#

ocr page 176

lew? wez boo still

DRIE EN TWINTIGSTE FEBRUARI. |: Aa

j Mai licli

Zesde Smart. fle

Ifin,

Derde Verhandeling-. Christus' afneming- \]a van het Kruis. f|ro

strc Zoc

Na dien vlijmende lanssteek, welke de har- har ten van den Zoon en de Moeder door- ses boorde, vreesde Maria nieuwe mishandeling- van 2 haar dierbaar Kind. Daarom smeekte Zij Jozef dei van Arimathea, een aanzienlijk raadsheer, die g-ei zelf ook het rijk Gods verwachtte, naar Pilatus vei te gaan, om het gestorven lichaam van Jezus del te vragen, ten einde het voor verdere onteering- aai te behoeden. Jozef ging- dan onverschrokken het tot Pilatus en stelde de bede en de droefheid daf der Moeder aan den landvoogd voor, die, vol- nk gens het gevoelen van den H. Anselmus, uit inl medelijden met de bedrukte Moeder, bevel gaf te» het lichaam des Zaligmakers aan hem over te lie geven. Met den diepsten eerbied stelden nu mc Jozef van Arimathea en Nicodemus, die uit H(a dien vlijmende lanssteek, welke de har- har ten van den Zoon en de Moeder door- ses boorde, vreesde Maria nieuwe mishandeling- van 2 haar dierbaar Kind. Daarom smeekte Zij Jozef dei van Arimathea, een aanzienlijk raadsheer, die g-ei zelf ook het rijk Gods verwachtte, naar Pilatus vei te gaan, om het gestorven lichaam van Jezus del te vragen, ten einde het voor verdere onteering- aai te behoeden. Jozef ging- dan onverschrokken het tot Pilatus en stelde de bede en de droefheid daf der Moeder aan den landvoogd voor, die, vol- nk gens het gevoelen van den H. Anselmus, uit inl medelijden met de bedrukte Moeder, bevel gaf te» het lichaam des Zaligmakers aan hem over te lie geven. Met den diepsten eerbied stelden nu mc Jozef van Arimathea en Nicodemus, die uit H(

ocr page 177

ZESDE SMART.

vrees voor de Joden in den nacht tot Jezus kwam, om door den goddelijken Meester onderwezen te worden, drie ladders tegen den krnis-boom. Daarna trokken de vrome Leerlingen, in stille aanbidding, do nagelen uit de handen en do voeten en gaven ze der allerzaligste Maagd Maria over. Terwijl de een het gezegende lichaam bij de schouders vasthield, en de ander de beenen omvatte, lieten zij den heiligen last langzaam neder in de armen Zijner Moeder. Maria, zoo beschrijft Bernardinus de Bustis dit droevige schouwspel, stond op de teenen en strekte de armen uit, om haren welbeminden Zoon te ontvangen ; toen drukte Zij Hem aan hare borst en zette zich aan de voet des Krui-ses neder.

Zoo ontving ook Eva, de moeder aller levenden, eenmaal haren lieveling, den rechtvaardigen Abel, door zijnen broeder Kaïn wreedaardig vermoord, doorwond en met bloed en stof bedekt in hare moederarmen. Deze onderzocht aanstonds de diepte zijner wonden on trachtte het uitstroomend bloed te stuiten. Hoorde zij daar zijne ademhaling niet? Bespeurde ze hier niet de klopping of trilling zijns harten ? IJdele inbeelding! Zij kuste de bleeke wangen en riep tegen alle hoop in: „Abel, mijn kind, mijn geliefde zoon, hoort gij dan het klagen uwer moeder niet? Antwoordt gij niet oji hare bede?quot; Helaas'. haar kind was gestorven, verslagen

175

ocr page 178

MATER DOLOROSA.

176

door de hand van zijn eigen broeder. Daarop gaf zij den vrijen loop aan hare tranen. Maar zoover de Christus Abel overtrof, zoover overtroffen ook do smarten van Maria die van onze eerste moeder Eva. O mijn ziel, beschouw met al de innigheid van uw hart do bedroefde Moeder, die daar, aan den voet des Kruises, hot doodo lichaam van haren Goddelijken Zoon, zoo jammerlijk mismaakt en met versch bloed overgoten, in hare armen sloot. Wat deed on wat leed toon de Moeder van Smarten ? Zij wondde hare oogen van hot heilige lichaam niet af, dat van de kruin des hoofds tot de zool der voeten ont-vleeschd en met wonden overdekt was. In welk een deemiswaardigen toestand hadden do kinderen der menschen haar Kind, den Zoon des menschen, gedompeld ! Zijn hoofd was met doornen gekroond, Zijne handen en voeten doorboord. Zijne borst doorstoken, terwijl al Zijne beendo-ren open en bloot lagen; Hij was eenen me-laatscho gelijk, een aardworm cti geen mensch, vorm noch gedaante bezat Hij meer, Hij, de schoonste onder de kinderen der menschen, wien de Engelen verlangden te aanschouwen! Ach! ondankbare Synagoge, mocht Maria uitroepen, mijn Kind heeft om uwentwille Egypte met vele plagen getroffen, en gij hebt Hem overgeleverd ter goesoling ! Mijn Zoon hoeft voor u de koningen van Kanaan verslagen en u eenen koninklijken schepter gegeven, en gij hebt om Zijne

ocr page 179

ZESDE SMART,

slapen een kroon van doornen gespannen en Zijn hoofd met een rietstok geslagen ! Mijn Jezus heeft u door Zijne oppermacht verheven boven de volkeren, en gij hebt Hem opgehangen aan den schandpaal des Kruises! Mijn God heeft voor ii een doortocht gebaand door de. Roode Zee, en gij opent met eene lans de zijde van uwen Verlosser! Mijn volk, wat heeft mijn Kind tegen u misdreven, of waarin u bedroefd ? Antwoord mij! Onder veel zuchten en klagen sloot Maria de oogen van haar Kind, die Haar immer zoo vriendelijk hadden tegengelachen ; alsmede Zijn half geopenden mond, die zooveel woorden van kinderlijken eerbied en hemelsche zoetheid tot Haar gesproken had. Daarna nam Zij behoedzaam de doornenkroon van Zijn gezegend hoofd af, terwijl een stroom van tranen neer-vloeide over het aanbiddelijke gelaat, dat Zij met kussen overlaadde, uitroepende: „O mijn Jezus, Gij waart Mij een vader, een broeder, een bruidegom; Gij waart mijne vreugde, mijne glorie, mijne zaligheid, mijn al; O mijn Kind, aanschouw nog eenmaal Uwe Moeder, spreek nog slechts een enkel woord van troost tot Mij.quot;

Helaas! 's Heeren oogen bleven gesloten, geen woord kwam er meer over Zijne lippen. En het hart van Maria, zegt de H. Germanus, werd met zulke onuitsprekelijke smarten en met zooveel leed vervuld, dat er bloedige tranen aan

177

12

ocr page 180

178 MATER DOLOROSA.

hare oogen ontsprongen. In de voorbijgangers, riep de bedrukte Maagd ons allen toe: ,0 gij allen, die langs dezen weg gaat, aanschouwt en ziet of er eene smart is gelijk aan mijne smart; nu ben Ik beroofd van mijn Vader, van mijn Brnidegom, van mijn Kind. Alles heb Ik verloren, waartoe nog langer te leven?quot; Vervolgens wendde Zij Zich in de overmaat van hare smart tot de foltertuigen van Jezus' lijden ; „O wreede doornen, rampzalige nagelen, onmeedoo-gende lans! waarom hebt gij uwen Schepper aldus gemarteld? Maar neen! Niet aan u ligt de schuld ; de ongelukkige zondaren zijn de oorzaak van al mijne kwellingen en rampspoeden, zij hebben mijn Jezus tot dien wreeden kruisdood overgeleverd.quot; O, mijne ziel, zoo deze wreede verscheuring van het Goddelijk Offerlam u niet aangrijpt, indien gij niet bewogen wordt door de bloedige tranen, die gij uit de oogen van s'Heeren Moeder geperst hebt, wees dan beducht voor uwe eeuwige zaligheid. Zie, gansch de natuur is ontsteld en geschokt bij den dood van uwen Verlosser, en gij alleen zoudt ongevoelig blijven en volharden in uwe boosheid? Bekeer u eindelijk tot den Heer, uwen God, tot uwen gekruisigden Verlosser, vlucht tot Zijn geopend Hart, dat uit liefde tot u doorstoken werd: werp u in Zijne armen, welke de H. Maagd niet kon buigen, noch samenvoegen, uw Heiland houdt ze steeds uitgestrekt, om u

ocr page 181

ZESDE SMART.

rs, op te nemen en te omhelzen. Hebt gij door uwe

gij zonden uwen Zaligmaker aan het Kruis gehecht,

en gij kunt Hem er weder afnemen door uwe boet-

,rt; vaardigheid. Kniel dan met Maria Magdalena

ijn aan Jezus' voeten neder en besproei ze met uwe

er- tranen, terwijl gij in rouwmoedigheid des harten

ol- op uwe borst klopt en luide uwe schuld bekent:

are „Vader, ik heb gezondigd tegen den hemel en

„O tegen U, ik beu niet meer waardig Uw kind

.00- genoemd te worden!quot; Vraag ook der Moeder

per van Smarten dringend om vergiffenis : „Ja Moe-

ligt der, ik beken het, ik was het, die uwen Zoon

)or- zoo gruwzaam mishandelde; hier is de beul en

len, de moordenaar van uw Kind; mijne ijdelheid,

uia- mijne onrechtvaardigheid, mijne zinnelijkheid

Leze heeft den Beminde uws harten aan het vloek-

ïer- hout geklonken; maar zie, lieve Moeder, nog

gen ziju Zijne armen uitgestrekt om de zondaars te

; de ontvangen, heb medelijden met mij, verwerf mij

rees een vermorzeld en vernederd hart, dan zal aw

Zie, Jezus mij niet verstooten, laat mij mijne zonden

; bij oprecht beweenen ea mijne tranen met de uwe

mdt vermengen. Zeg Hem, dat ik mij zeiven heden

oos- aan het kruis hecht en het niet eerder verlaten

wen wil, dan wanneer het Zijner Goddelijke Majes-

acht teit behagen zal, mij er af te nemen. Dan hoop

[oor- ik eenmaal door uwe machtige voorspraak bij

e de uwen Goddelijkeu Zoon vertroost te worden met

gen, alle treurenden van Sion, en in plaats der boete-

in u asch, die mijn hoofd bedekt, eene eerekroon

179

ocr page 182

MATER DOLOROSA.

deelachtig te worden, alsmede vreugde-olie voor de geleden droefenis en een onvergankelijk feestgewaad voor het gedragen boetekleedquot;.

Oefening van deugd. Bij het verwekken van het berouw zich levendig de bittere smarten voorstellen, welke Maria bij de afneming van het Kruis geleden heeft.

Schietgebed. Lieve Moeder, verwerf mij eene bron van tranen, om mijne zonden oprecht te beweenen. Amen.

Voorbeeld.

Plutarchus verhaalt dat Agis, de zachtmoedige en rechtvaardige koning der Lacedemoniërs, alle pogingen in het werk stelde, om de zedeloosheid en ongerechtigheid van zijn volk door vaderlijke wetten te beteugelen en zijn land voor een ge-wissen ondergang te behoeden. Doch de godde-looze en ondankbare burgers verijdelden het edele streven van hunnen vorst, legden zijne goede bedoelingen ten kwade uit en beraamden eene samenzwering, om hunnen weldoener uit den weg te ruimen. Op een vooraf bepaalden dag-overrompelden zij hem gewapenderhand en doodden hem op wreedaardige wijze door ontelbare wonden. Toen zijne moeder dit verraad vernomen had, kwam zij in allerijl aansnellen en nam het bebloede lijk van haar kind op haren schoot,

180

ocr page 183

ZESDE SMAET.

181

terwijl zij met de oog'en ten hemel gericht, onder een vloed ran tranen luid klaagde; „Ach, mijn zoon, uwe al te groote goedheid, zachtmoedigheid en rechtschapenheid heeft ons beiden in het verderf gestortquot;.

ocr page 184

VIER EN TWINSTIGSTE FEBRUARI.

Zesde Smart.

Vierde Verhandeling. Maria vereert 's Heeren heilige Wonden.

Terwijl de eeniggeboren Zoon van God aan het Kruis door allen bespot werd, heeft de medelijdende Moeder en Maagd Maria Hem als Godmensch vereerd. Staande onder het Kruis, zegt de H. Gregorius van Nazianze, kon Maria de voeten van haar Goddelijk Kind bereiken, en in de vervoering harer moederlijke toegenegenheid hield Zij niet op dezelve te vereeren en te kussen. Maar hare levendige godsvrucht voor 's Heeren heilige Wonden kwam eerst tot haar recht na de afneming van het Kruis -.De allerzaligste Maagd Mariaquot;, zoo spreekt de H. Germanus, ,kuste, na de afneming van het Kruis, de doorboorde handen van Christus, Zijne geopende zijde en doornagelde voeten : Zij wiesch en besproeide met hare tranen al Zijne Wonden, en over elk afzonderlijk weende Zij bitter.erwijl de eeniggeboren Zoon van God aan het Kruis door allen bespot werd, heeft de medelijdende Moeder en Maagd Maria Hem als Godmensch vereerd. Staande onder het Kruis, zegt de H. Gregorius van Nazianze, kon Maria de voeten van haar Goddelijk Kind bereiken, en in de vervoering harer moederlijke toegenegenheid hield Zij niet op dezelve te vereeren en te kussen. Maar hare levendige godsvrucht voor 's Heeren heilige Wonden kwam eerst tot haar recht na de afneming van het Kruis -.De allerzaligste Maagd Mariaquot;, zoo spreekt de H. Germanus, ,kuste, na de afneming van het Kruis, de doorboorde handen van Christus, Zijne geopende zijde en doornagelde voeten : Zij wiesch en besproeide met hare tranen al Zijne Wonden, en over elk afzonderlijk weende Zij bitter. Zij

ocr page 185

ZESDE SMAET. 183

omhelsde Zijn hoofd en drukte het aan hare borst. Uitvoeriger nog is de verklaring van Nebridius: „Wanneer Maria de geopende Wonden der handen en voeten en de breede opening in de zijde des Heeren aanschouwd had, begon Zij, onder znchten, de -wreede doornen uit Zijn hoofd weg te nemen; Zij wischte vervolgens het bloed uit Zijne oogen, en zuiverde al de wonden over het geheele lichaam ; al schreiende t volbracht Zij hare taak ; Zij onderzocht en kuste

alle ledematen. Luid snikkend beschouwde de H. Maagd de Wonden der handen en voeten, en stak hare vingers in de plaats der Nagelen aan en hare hand in 's Heeren zijde, terwijl Zij de ; de diepte peilde der goddelijke liefde jegens het als menschelijk geslacht. Daar Zij den wijn en de ruis, olie van den barmhartigen Samaritaan miste, aria vulde Zij de Wonden met hare overvloedige ken, tranen. Eindelijk sloot Zij met hare vingeren ene- den mond en de oogen van haar Kind en drukte sren als laatste vaarwel een hartroerenden kus op ucht Zijn aangezicht. Dan richtte de Moeder van t tot Smarten hare oogen ten hemel en bracht voor ^De ons arme zondaren, de Wonden, het Bloed, het e H. lijden en den dood van haren Zoou aan God den het hemelschen Vader ten offerquot;. De H. Bonaven-ilijne tura laat Haar bij deze gelegenheid de volgende esch verzuchtingen uitspreken: „Geef acht. Heer, iden, heilige Vader, uit Uw heiligdom en uit Uwe . Zij hooge hemelwoning: erken den veelkleurigen

ocr page 186

mater dolorosa.

rok van Uwen Zoon-Jozef: een wild dier heeft vot

Hem verscheurd en in zijne woede het kleed vai

van Uw Kind met voeten getreden en daarin dei

bloedige sporen ingedrukt; zie, vijf beklagens- wh

waardige scheuren zijn er achtergeblevenquot;. Met gel

meer recht dan koning David, treurende over tijd

het verlies van Saül en Jonathas, gesneuveld tolt;

op het gebergte van Gelböe, kon Maria uitroe- 's I

pen: „Gebergte van Calvarië, dat dauw noch mii

regen over u komen, omdat op uwe kruinen de Nic

Verlosser van Israël gedood is.quot; de

Meer reden ook tot droefheid had onze smart- aai

volle Moeder dan de bedrukte Rachel, wier stem aai

in Rama gehoord werd, wier geklaag en geween ma

op de hoogten weerklonk, en die niet getroost het

wilde worden, omdat hare kinderen niet meer Ad

waren. O mijne ziel, beschouw in den geest uwe daf

Moeder daar voorover gebogen op het ontzielde de

lichaam van haren veel geliefden Zoon, wiens De

Wonden Zij verpleegt en vereert; beken uwe Wc

schuld, want uwe zonden hebben haar Kind in ges

dien deerniswaardigen toestand gebracht; maar goc

smeek Haar tevens vol vertrouwen, dat het lijden ligi

van den Zoon en de Moeder voor u niet ijdel toe

en vruchteloos moge wezen en zeg' Haar : Je2

„Lieve Moeder, verwerf mij door uwe machtige hui

voorspraak, dat quot;sHeeren heilige Wonden voor ov(

mij bij den Vader gelden mogen als de vijf sik- .W

kels, waardoor in de Oude Wet de eerstgeborenen val

bij het Heiligdom vrijgekocht werden ; laten Zij als

184

ocr page 187

ZESDE SMART.

185

ift voor mij dienen gelijk de vijf uitgelezen steenon ed van koning David, opdat ik daarmede steeds in den helschen Goliath kunne treffen en over-is- ' winnen ; mogen Zij voor mij immer openstaan, ^et gelijk de vijt vrijsteden in Egypte, om daar al-er tijd eene veüig'e schuilplaats te vindenquot;. Het ild voorbeeld van Maria in de vereering van ie- 's Heeren Wonden werd gevolgd door den be-ch minden Leerling, door Jozef van Arimathea en de Mcodemus, alsmede door Maria Magdalena en de andere heilige vrouwen, op don lijdensweg rt- aanwezig, die de vijf heilige Wonden godvruchtig ■m aanbaden, eer het ontzielde lichaam des Zaligen makers grafwaarts gedragen werd. „Men mag Dst het volstrekt niet betwijfelenquot;, zegt de geleerde ier Adrianus Lyraens, „dat alle godvruchtige zielen ive daar op den Calvarieberg, zoowel de handen als de de voeten des Heeren eerbiedig gekust hebbenquot;, ns Deze vrome personen toch wisten, dat die heilige nre Wonden de losprijs waren van het menschelijk in geslacht, de schat der Kerk, het onderpand der lar goddelijke liefde en de algemeene en allervei-en ligste schuilplaats, waarheen alle zondaren hunne lel toevlucht konden nemen. In die Wonden van ir : Jezus vonden ook de Heiligen van alle tijden ge hun kracht en hunnen steun. Hooren we hier-)or over de belijdenis van den H. Augustinus : ik- „Wanneer eeno onzuivere gedachte mij over-en valt, vlucht ik tot de Wonden van Christus; Zij als de bedorven natuur mij bekoort, hef ik

ocr page 188

186 MATEK DOLOROSA

mijnen geest omhoog door de herinnering aan bf

de Wonden des Heeren ; als de duivel mij strik- M

ken spant, neem ik terstond mijne toevlucht ee

tot de barmhartigheid van mijnen Heiland, en de

de bekoorder wijkt van mij ; als de booze lust hlt;

mijne ledematen prikkelt, bluscht de gedachte rv

aan de Wonden des Heeren zijnen gloed. In de de

Wonden van mijnen Verlosser woon ik veilig, H

want door Zijne Wonden staat voor mij het el?

het binnenste Zijns Harten open; ja, tegen alle 01

wederwaardigheden heb ik zulk een afdoend mid- Je

del niet gevonden, als de Wonden van Christusquot;. T

Yoegen we hierbij het schoone getuigenis van b(

den H. Laurentius Justinianus ,0 zaligende a;

wonden! Oord van blijdschap en vreugde! O v(

van liefde gewonde Jezus! Waarheen zoude ik di

mij moeten wenden voor Uwen geest van strenge in

rechtvaardigheid ? Waarheen zoude ik mijne d(

toevlucht kunnen nemen voor Uw vertoornd te

aangezicht ? Stijg ik op ten hemel, Gij zijt daar ; ei

vetberg ik mij in den afgrond. Gij zijt daar ei

evenzeer tegenwoordig; ja, al zoude ik willen Ji

vluchten naar de uiterste grenzen der zee, toch re

zoude ik niet kunnen ontgaan aan Uwe handen'; n:

en „Hoe vreeselijk is het, te vallen in de han- n

elen van den levenden God.quot; Wat, derhalve g

blijft mij over, dan dat ik, ten einde aan de el

handen van den levenden God te ontkomen, v

in de doorboorde handen van mijn God en Hei- st

land vluchte, om mij in hare Wonden te ver- n

i

ocr page 189

ZESDE SMAET.

187

lan bergen.quot; O mijne ziel, volg het voorbeeld van ik- Maria en de Heiligen na, verwek in u zelve eht een teedere devotie tot 's Heeren heilige Wonen den, laat hare [gedachtenis nimmer uit uw ge-ust heugen gewischt worden. „Nergens is veilige hte rust,quot; zegt de H. Augustinus, „dan in de Wonde den des Zaligmakers.1' Zóó groot is, volgens den lig, H. Bernardus, de kracht van Christus' Wonden, het dat bij de herinnering daarvan alle vijanden ille onzer ziel wegvluchten. „In de Wonden van lid- Jezus-Christus zult ge, naar het woord van isquot;. Thomas a Kempis, meer vinden, dan in het ^an bezit der gansche wereld. Als uw geweten u nde aanklaagt, als de zonden u met angst en vrees O vervullen, denk dan aan de heilige Wonden, i ik die Jezus voor u heeft aangenomen, opdat gij nge in dezelve beveiliging zoudet vinden. Maak met ijne den H. Bonaventura het vaste voornemen : „Drie rnd tenten wil ik bouwen voor mijne arme ziel, tar; eene in de handen, eene tweede in de voeten laar en eene derde in de heilige zijde van mijnen llen Jezus.quot; Bid eindelijk uit den grond uws harten och met den H. Ignatius: ,0 goede Jezus, verhoor len'; mij; verberg mij in Uwe heilige Wonden ! Daar-lan- naar verlangt mijne ziel met even groote be-ilve geerte als naar den hemel zeiven; meer dan i de de zon verlichten die stralende Wonden mijn nen, verstand; meer dan het warmste vuur ont-ïïei- steken Zij mijne ziel met heilige liefde en ver- met de hoogste vreugde,quot;

ocr page 190

mater dolorosa.

Oefening van deugd: Op ons hart en op onzen arm het zegel der heilige vijf Wonden stellen, opdat al onze gedachten en al onze daden overeenstemmen met het welbehagen van onzen gekruisigden Verlosser.

Schietgebed: Lieve Jezus, om Uwe heilige Wonden, vergeef mij mijne zonden, Amen.

Voorbeeld.

Onze goddelijke Zaligmaker zelf heeft Zich gewaardigd te openbaren, hoe hoogst welgevallig Hem de vereering Zijner heilige Wonden was, en hoe hoogst voordeelig voor do men-schen. Daarom verscheen Hij aan de H. Mar- t garetha van Cortona op zekeren dag, zooals Hij J_ uit liefde tot ons zondaren eenmaal met wonden Je overladen was. Alsdan zeide de hemelsche Brui- g( degom tot Zijne bruid: „Wilt gij uwe zuiver- gc heid ongedeerd bewaren, draag dan de vijf la steenen Mijner Wonden bij u, en met deze zult dc gij, gelijk koning David, den vijand aan het D voorhoofd treffen, zoodat hij ter aarde ncderstort.quot; zi,

188

de la lU

ec m

ocr page 191

\-^/i-\^-gt;)»^/i-\^)»/1\^.v /1 \V.v'gt;-^\'.^N^/J-\C-quot;^/^-\/ j\V///-^Ax^/j-X\^}x-gt;/1\■gt;-//1 |

en —

ize ■en

ige | VIJF EN TWINTIGSTE FEBRUARI.

_

Zevende Smart.

ich Eerste Verhandeling. De begrafenis

al- des Heeren.

[en _

en-

ar- T-Ne voet des Kruises, geheiligd door de tegen. Hij 1 / woordigheid van Maria met haren gestorven [en Jezus in de armen, werd voor alle toekomende ui- geslachten een oord van zegening. Duizenden er- gebroken harten hebben daar verkwikking en fijf lafenis gevonden in hunne smarten. Daar schepte uit do wanhopige nieuwen moed en levenslust, liet Daar vond de kranke olie en balsem voor al 't.quot; zijne wonden. Daar bij haren hemelschen Bruidegom gevoelde de weduwe zich niet meer verlaten, en de weezen werden er getroost door de liefkoozingen hunner nieuwe moeder. Daar ook putte de geleerde zijne wijsheid en wetenschap. Daar vooral ontsprong voor den armen zondaar eene genadenrijke bron tot afwassching zijner misdaden en ongerechtigheden. Om onzentwil

ocr page 192

MATUR DOLOROSA.

190

derhalve was Maria daar neerg-ezeien. met het ontzielde lichaam vau Jezus op haren schoot. Om Zich voor de laatste smart, de graflegging-van Haar Kind, te versterken, offerde Zij Zich, zegt de geleerde Arnoldus van Chartres, op het altaar van den gestorven Heiland. Het scheiden van haren dierbaarsten Schat mocht Haar ontzaglijk zwaar vallen, toch berustte onze Moeder er in, toen de vrome dienaren Jozef van Arimathea en Nicodennis met eerbiedigen aandrang- het lichaam van Jezus vraagden ter balseming en begrafenis. Als nu het H. Lichaam met mirre en aloë genoegzaam gebalsemd was, wonden zij Het met kostbare specerijen in nieuw lijnwaad, gelijk het bij de Joden gewoonte was te begraven, en droegen Het naar een nieuw steenen graf, waarin nog nooit iemand g-elegd was. Met meer innigheid dan Jozef van Egypte zijnen vader Jacob de laatste eer bewezen had, kuste Maria herhaaldelijk 's Heeren aanbiddelijk aangezicht, dat Zij met overvloediger tranen bevochtigde, dan eenmaal Maria Magdalena Zijne voeten besproeide. Wanneer Abner door den sluipmoord van Joab omgebracht was, riep koning- David uit: „Ik en mijn rijk zijn voor den Heer onschuldig aan het bloed van Abner, en gij mijn volk! scheur uwe kleederen, bekleed u met rouwgewaad en ween voor het lijk van Abner.quot; En bij de begrafenis van dezen dapperen held, te Hebron, stortte de koning een vloed

ocr page 193

ZEVENDE SMAKT.

van tranen, en het gansche volk weende met zijnen vorst mede.

Maar grooter droefheid was er in het onschuldige hart van Maria, toen de gezegende Verwinnaar van dood en hel, door goddelooze moordenaars ter dood gebracht, uit hare armen werd weggenomen, om Hem in den schoot der aarde neder te leggen.

„Zoo jammerlijk weende de allerzaligste Maagdquot;, verklaart de H. Bernardus, en zoo bitter treurde Zij, dat haar geschrei velen huns ondanks tot tranen toe bewoog, hare smart vervulde alle omstanders met droefheid; wie haar aanzagen konden hunne tranen schier niet bedwingenquot;. En ik, arme zondaar, die zoo menigwerf de hel verdiend heb, ik blijf koud en onverschillig! O Maria, mijne Meesteres, laat mij met U schreien, verwerf voor mijne oogen een bron van tranen, opdat ik dag en nacht den Gesneuvelde van de Dochter mijns volks beweene. Hoogst treurig voorzeker was de uitvaart bij de poort van Naïm, toen de eenige zoon zijner moeder, die weduwe was, uitgedragen werd. Maar onze gezegende Heiland, daarbij gekomen, werd door medelijden bewogen en sprak tot de moeder; „Wil niet weenenquot;, en Hij veranderde hare droefheid in blijdschap. Want de baar aanrakende zeide Hij: „Jongeling, Ik zeg u, sta op !quot; En de jongeling stond op en begon te spreken. En de Heer gaf hem aan zijne moeder. Onver-

191

ocr page 194

MATER DOLOEOSA.

gelijkelijk treuriger echter was de lijkstoet, die zich over den Calvarieberg langzaam voortbewoog, om den Eeniggeboren Zoon van de Ge-zegendste onder de vrouwen en de bedruktste onder de weduwen, ter aarde te bestellen. Ziet, onze bedroefde Moeder wilde, zelf het offer opdragen. Met behulp der anderen, droeg Zij, met hare eigene moederlijke handen, haar Kind naar het graf. Engelen des hemels! neemt deze smartelijke taak uwer Koningin over; spreekt Haar ten minste een enkel woord van troost toe; zegt Haar: „Moeder, wil niet weenenquot;.

Helaas! ook de Engelen des vredes, die, als ongeziene geestenwachten, hunnen Koning naar Zijne laatste rustplaats vergezelden, weenden bitter. Aartsengel Gabriël! noem onze Moeder niet langer vol van genade, noch gezegend onder de vrouwen, nu haar Heer vau Haar weggaat De hemelen bewaarden een diep stilzwijgen Het behaagde der Goddelijke Voorzienigheid onze beminde Moeder te vernederen tot de geringste onder de vrouwen, om Haar eenmaal te verheffen boven de koren der Engelen en Aartsengelen.

Leer hieruit, mijne ziel, naar het voorbeeld der Moeder van Smarten, alle kwelling en tegenspoed geduldig te verdragen; het rijk der hemelen lijdt geweld, en het lijden van den tijd staat in geen vergelijk tot de toekomstige glorie, welke in ons geopenbaard zal worden.

192

ocr page 195

ZEVENDE SMART.

Eindelijk was de treurige stoet het graf genaderd, dat in de steenrots was uitgehouwen. Het teeken van Jonas, den Profeet, moest in Christus vervuld worden. Gelijk de Profeet drie dagen doorbracht in de ingewanden van het zeemonster, zoo zou ook de Heiland drie dagen verblijven in den scboot der aarde. Hoe gaarne wilde Maria zich levend begraven met haar Kind, toen het Lichaam des Heeren in het graf geplaatst werd. Maar zulks was niet hot raadsbesluit van haren Goddclijken Zoon. Het oogen-blik van scheiden was gekomen. De bedroefde Moeder wierp nog een laatsten blik van onbeschrijfelijke teederheid op haren welbeminden Zoon, zeggende :

„Ontvang mijn dierbaar kind het laatst vaarwel Uwer Moeder, die haar hart bij U in het graf achterlaat.quot; „Maria,quot; zoo verklaart de H. Fulgentius, „wenschte vurig, dat haar hart met het Lichaam van Christus mede begraven mocht worden.quot; En de H. Maagd zelve openbaarde aan de H Brigitta: „Naar waarheid kan Ik getuigen, dat er zich na de begrafenis van mijn Kind, twee harten in één graf bevonden; of, zegt men niet, waar uw schat is, daar is ook uw hart? Zoo verwijlden mijns gedachte en mijn hart gestadig in het graf van mijnen Zoon.quot; Als ten slotte de zware sluitsteen voor de opening van het grat gewenteld was, keerde Maria Zich tot de medelijdende vrienden, die Zij allermin-

ia

103

ocr page 196

MATER DOLOROSA.

194

zaamst zogende en hartelijk dank zeide voor hunne hulp cn bewezen diensten. De H Brigitta meent, dat onze Moeder dezelfde woorden sprak, waarmede de grootmoedige David eenmaal aan de inwoners van Jabes zijnen dank betuigde voor de begrafenis van koning Saul: „Gezegend zijt gij bij den Heer, omdat gij deze barmhartigheid aan uwen Meester bewezen en Hem een passende begrafenis bezorgd hebt; de Heer voorzeker zal u barmhartigheid bewijzen, maar ook Ik zal mijne genade toonen.quot; Zie, mijne ziel, hoe Maria den dienst, aan baar Kind bewezen, met zegening en genade vergold. Maar die goede Moeder volhardt in diezelfde gesteltenis ook te uwen opzichte. Wel is het u niet gegund met de vrome dienaren en de heilige vrouwen uwen Jezus in Zijne grafstede neder te leggen, doch overvloediger genade wordt u aangeboden, zoo vaak de Goddelijke Meester die liefdevolle bede tot u richt: „Mijn Kind, geef Mij uw hart! geef Mij uw hart! geef Mij uw hart tot eene rustplaats en tot eene welgevallige woning, opdat Ik in geen vreemd graf behoeve gelegd te worden.quot; Geef dan gehoor aan die minzame uit-noodiging van uwen liefderijken Verlosser en bied Hem uw hart door het ontvangen van hot allerheiligste Sacrament des Altaars. Evenwel smeek eerst uwe Moeder, dat Zij uw hart gelieve te, vernieuwen, opdat het niet eene al te onwaardige woonplaats voor haar Kind zij. Breng

ocr page 197

zevende smart.

vervolgens bittere mirre en aloë aan in deemoedige, tranen van ware boetvaardigheid. Draag verder zorg voor welriekende kruiden in den goeden geur, die uwe deugden verspreiden. Sluit eindelijk den toegang uvvs harten door het vaste voornemen liever te sterven, dan andermaal uwen Jezus door de zonde uit uwe ziel te verbannen. Dau zal onze gezegende Moeder ook u toeroepen : „Gezegend zijt gij bij den Heer, maar ook Ik zal u mijne genade toonen.quot;

Oefening van deugd. Hot maandelijksch naderen tot de H.H. Sacramenten.

Schietgebed. Mijn hart is bereid, lieve Jezus, mijn hart is bereid. Amen.

Voorbeeld.

Een rampzalige zondaar, die zijn vader en eer. zijner broeders vermoord had, was zonder rust ot' duur en zwierf gelijk Kaïn voortvluchtig over de wereld rond. Eens in den heiligen tijd van de vasten hoorde hij eene prediking over de goddelijke barmhartigheid. Daarop wilde onze ongelukkige biechten en wel bij dien predikant zeiven. Als deze zijne biecht gehoord had, zond hij hem naar een altaar van Onze Lieve Vrouw der Zeven Smarten, om berouw en vergiffenis zijner zonden af te smeeken. De goedgestemde boeteling gehoorzaamde. Doch nauwelijks was hij zijn gebed begonnen, of hij viel dood neder.

195

ocr page 198

MATER DOLOROSA.

196

Als de priester den volgenden morgen het gebed voor dezen overledene verzocht, kwam er in de kerk ecne witte duif aanvliegen, die een blad papier liet vallen voor de voeten van den priester. Deze nam het op en las de volgende woorden : .Ternauwernood had de ziel van den overledene het lichaam verlaten, of zij was het verblijf der Zaligen binnengegaan. En gij, mijn dienaar, ga voort de oneindige barmhartigheid Gods te verkondigen.quot;

ocr page 199

ZES EN TWINTIGSTE FEBRUARI.

Zevende Smart.

Tweede Verhandeling'. De terugkeer van het H. Graf.

In diep gepeins verzonken staarde Maria nog' eenigen tijd op hot gesloten graf van haar Kind. Alvorens Zich te verwijderen, zegt de H. Bonaventura, zegende Zij flen grafsteen, zeggende: ,0 zalig gesteente, dat miniijn Beminde omsluit: Ik zegen u en vertrouw u mijn Kind toe, geheel mijn schat en al mijne liefdequot;. Vervolgens richtte onze Moeder hare oogen ten hemel en sprak : „Eeuwige Vader, Ik beveel U mijnen Zoon aan, die tegelijk Uw Kind isquot;. Nn naderden de bloedverwanten der allerzaligste Maagd, die haar gelaat, tot teeken van haar weduwschap, met den rouwsluier omhulden. Na een laatsten blik op het H. graf en een laatste verzuchting tot haren veelgeliefden Zoon, ging Maria, begeleid door de Leerlingen en de hei-n diep gepeins verzonken staarde Maria nog' eenigen tijd op hot gesloten graf van haar Kind. Alvorens Zich te verwijderen, zegt de H. Bonaventura, zegende Zij flen grafsteen, zeggende: ,0 zalig gesteente, dat miniijn Beminde omsluit: Ik zegen u en vertrouw u mijn Kind toe, geheel mijn schat en al mijne liefdequot;. Vervolgens richtte onze Moeder hare oogen ten hemel en sprak : „Eeuwige Vader, Ik beveel U mijnen Zoon aan, die tegelijk Uw Kind isquot;. Nn naderden de bloedverwanten der allerzaligste Maagd, die haar gelaat, tot teeken van haar weduwschap, met den rouwsluier omhulden. Na een laatsten blik op het H. graf en een laatste verzuchting tot haren veelgeliefden Zoon, ging Maria, begeleid door de Leerlingen en de hei-

ocr page 200

MATBK DOT.OROSA.

ligo vrouwen, naar dc woning' van Joannes. „Dio Haar vergezeldenquot;, zoo getuigt de H. Bor-nardus, „weenden meer over Maria dan over den Heerquot;.

Thans werd de kruisweg in omgekeerde ordo afgelegd. Als Zij bij het Kruis kwamen, dat nog droop van Jezus' bloed, aanbad Maria, zegt de H. Bonaventura, het eerst het werktuig onzer verlossing, hetwelk, krachtiger dan de regenboog aan don hemel, ten teeken strekte van j het verbond, door God met ons en alle levende i zielen gesloten. ,0 heilig Kruisquot;, riep Zij uit, i Ik omhels en aanbid U, want Gij zijt thans niet meer het hout der schande, maar een troon van liefde en een altaar van barmhartigheid, gewijd door het Bloed van het Lam Gods, dat geslachtofferd werd voor het heil der wereld''. Wat droevige feiten riep die lijdensberg in haren geest terug. Hier had Zij haren innig geliefden Zoon, verscheurd en verbrijzeld, in hare moederarmen opgenomen, 's Hoeren verlatenheid en doodsstrijd zweefden zoo levendig voor hare verbeelding. Nog dreunden de wreede hamerslagen Haar in de ooren. nog hoorde Zij de woorden, welke van Jezus' stervende lippen vloeiden. Maar toen was Zij nog in het bezit van haar Kind, en thans was Zij van alles beroofd. Ach, lieve Moedor ! verlaat ten spoedigste dit oord van jammeren, om in de woning van den beminden Leerling ee.nige wel verdiende

198

ocr page 201

199

nist to genieten. Langzaam daalde de stoet den Calvarieberg at. Maar elke schrede van den terugtocht bracht treurige herinneringen in het geheugen der Moeder. Hoorde Zij daar niet in het zacht geruisch van den wind het liclit geklaag van haar Kind, dat al strompelend den knoestigen kruisbalk voortsleepte ? Nu was Zij de plaats genaderd, waar haar Zoon, uitgeput van verrnoeionis, onder den zwaren last van Zijn foltertuig, plat ter aarde was neergevallen.

Niet dan schoorvoetend kon Zij die plek, ge-teekend door Zijn Bloed, betreden. Daar had de goedertieren Verlosser, eigen leed vergetend, de weenende vrouwen allerminzaamst toegesproken : „AVeent niet over Mij, maar weent over u zei ven en over uwe kinderen: want als er met het groene hout aldus gehandeld wordt, wat zal er dan met het dorre geschieden ?quot; Hier had de edelmoedige Zaligmaker Zijne gelaatstrekken in den doek van Veronica afgedrukt. Verderop had Simon van Cyrene het Kruis des Hoeren op zijne schouders genomen. Ginds was het zijpad, waar Zij zelve vervuld van angst en kommer, haar Kind, met het Kruis beladen, ontmoet had. Nog meende Zij dien meewarigen blik van haren Jezus te, aanschouwen. Daar vertoonden zich do eerste huizen der rampzalige stad, die niet begrepen had, wat haar tot heil verstrekte. Nu was het Bloed van den God-mensch inderdaad over haar gekomen: doch helaas, het

ocr page 202

MATER DOLOROSA,

zoude slechts dienen tot meerder verwerping'. Wel kon Maria met haar Goddelijk Kind verzuchten : „Jeruzalem, die den Profeet gedood en uwen Verlosser vermoord hebt, mocht gij nog' op dezen uwen dag' erkennen, wat u tot vrede isquot; .Doch als antwoord klonken hoven haar hoofd nog' de ruwe moordkreten: „Weg' met Hem ! Kruisig Hem ! Kruisig Hem! Niet dezen, maar laat ons Barabbas vrij. Simoon's woorden doorboorden andermaal de ziel onzer goede Moe der!'quot; „Deze is gesteld ten val van velen in Israëlquot;.

Inderdaad treurige gedachten voor het hart van Maria: van het uitverkoren volk Gods, zoo hoog bevoorrecht, bestuurd door de Patriarchen en geleid door de Profeten, zouden velen in de duisternissen van het ongeloof en de schaduwen des doods verblijven tot hun eeuwigen ondergang. Al biddend voortgaande bereikte men het huis van Joannes. De Leerling ontving de Moeder des Heeren in zijne woning. Hier eindelijk zou Maria een rustplaats en toevluchtsoord vinden. Helaas! geen straal van blijdschap kon in het van weedom vervulde hart van de Smartvolle Moeder doordringen. Met meer recht dan de grijze Tobias mocht Zij uitroepen: „Wat vreugde kan Mij ten deel vallen, die in de duisternis ben gezeten, en het licht des hemels niet aanschouwquot;. In den nederigen stal te Bethlehem was Zij hoogst gelukkig, en baadde Zij in verrukking bij de eerste omhelzing van haar Kind. In het verre

200

ocr page 203

ZEVENDE SMART.

Heliopolis werd hare ballingschap verzoet dooide aanvallige liefkozingen van het schoonste onder de kinderen der menschen.

In het armoedige huisje te Nazareth was onze Moeder rijk door de liefdesbetuigingen van haren Goddelijken Zoon, en door de lessen van hemel-sche Wijsheid, welke van Zijne lippen vloeiden. Zelfs de voet van het Kruis en het Graf in den hof waren voor Maria nog oorden van toevlucht om de tegenwoordigheid van Jezus. Doch de woning van Joannes bood geene andere herber-g'ing, dan de schuilplaats, waar het gewonde hert zich veilig waant, Daar rees het wraakgericht van den hemelschen Vader, dat dien dag voltrokken was, in al zijne verschrikkingen voor haren geest op. Zij zag de ketenen en boeien, waarmede haar Goddelijk Kind werd beladen. Zij aanschouwde de geeselroeden en de doornenkroon. de spijkers en de hamers. Hare oogen waren gevestigd op haren gekruisigden Zoon, met z,ijne verscheurde ledematen, druipende van bloed. In hare kwelling zocht de bedrukte Moeder troost bij den beminden Leerling, zeggende : „Mijn zoon, waar is uw Meester ?quot; Dan wendde Zij zich tot Magdalena, terwijl zij vraagde : „Mijne dochter, waar is uw Welbeminde?'' Als deze het antwoord schuldig bleven, stortte Maria een vloed van tranen, en allen, die bij Haar waren, weenden met de Moeder van Smarten. En gij, mijne ziel, zoudt gij bij dit droevig

201

ocr page 204

202 MATER DOTjOTtOSA.

schouwspel ongevoelig' Uinircii blijven ? Ga tot de, droevigste aller vrouwen, en zeg' Haar met den H. Bonaventura : ,0 mijne Meesteres, Gij zijt onschuldig', maar den armen zondaar past het te schreien en te weenenquot;. Maria schreit uit liefde, bid Haar om tranen van oprecht berouw en ware boetvaardigheid, opdat gij door den dood van haar Kind het eeuwige leven moogt verwerven.

Oefening- van deugd. Door oprecht medelijden trachten de „Troosteres der bedruktenquot; in hare droefheid te troosten.

Schietgebed. Lieve Moeder, laat mij met U schreien. Amen.

V OORBEELD.

Zeker kloosterling' werd hevig gekweld door angstvalligheden, die hem schier tot wanhoop brachten. In zijnen geestelijken nood nam hij zijne toevlucht tot Onze lieve Vrouw der Zeven Smarten, voor Wie hij eene bijzondere devotie had. Ouze goede Moeder liet zijn gebod nimmer onverhoord, maar herstelde steeds de rust van zijn geweten. Toen hij ging sterven, verdubbelde de Satan zijne pogingen, om hem het vertrouwen op God te laten verliezen. Als Maria haren dienaar aan zulke kwelling tor prooi zag, verscheen Zij hem zeggende: ,Waarom, mijn kind, laat gij u door smart geheel terne-

ocr page 205

ZRVBNDR SMART.

203

derslaan, gij, dio in mijne Smarten zoo vaak uwen troost gevonden hebt; zie, Jezus zendt Mij, om ii te troosten, verheug u derhalve en volg Mij naar het Paradijs '. Door deze woorden gerustgesteld, ontsliep onze vrome kloosterling-in den vrede des Heeren.

*

ocr page 206

ZEVEN EN TWINTIGSTE FEBRUARI.

Zevende Smart.

Derde Verhandeling. Maria en de ontluikende Kerk.

nmctelijk als dc xce was de. droefheid van

Maria op den vershrikkelijksten aller dagen, waarop haar Kind gestorven en begraven wa.s. Gelijk de zee door haar gewicht en bitterheid alle wateren overtieft, zoo gaat de Smart onzer bedrukte Moeder boven alle kwellingen en rampspoeden. Terwijl haar Goddelijke Zoon alles had volbracht, wat in de Schriften aangaande Hem voorspeld was, en wat de hemelsche Vader Hem op de schouders gelegd had, was de taak van Maria nog niet geëindigd. Wel mocht Zij bij 's Heeren Verrijzenis met den koninklijken Profeet David uitroepen : „Volgens de menigte mijner smarten in mijn hart vergaderd, hebben Uwe vertroostingen mijne ziel verheugdquot;; wel was hot onze goede Moeder gegeven, getuige te zijn

ocr page 207

rZI5VBNDE SMART.

van Jezus glorievolle Hemelvaart op den Olijfberg, maar om de ontluikende Kerk bij te staan moest Zij nog geruimen tijd op de aarde blijven. Ofschoon wetend, dat er groote verlatenheid in hare ziel zou ontstaan, als haar Zoon van Haar was heengegaan,bad Zij toch niet, om met Hem ten Hemel op te stijgen. Maria stelde haar persoonlijk voordeel achter de belangen der Kerk, die Zij door haar woord en voorbeeld tot de christelijke volmaaktheid moest opleiden.

„De redenquot;, zegt de geleerde Vinccntius Bruni, „waarom de Heer Zijne Moeder op aarde achterliet, was, dat de eerste Christenen bij Haar tegen de moeilijkheden, stormen en vervolgingen der wereld beschutting en vertroosting zouden vinden ; als zij ook van deze gunst verstoken waren, zouden zij zich geheel door Christus verlaten achten; on waar ook zoude deze kleine kudde kracht en sterkte bekomen tegen de roofzieke wolven? Jezus wildquot;, derhalve Zijne beminde Moeder achterlater. tof, hunne Moeder en Leermeesteres, opdat hare zoete tegenwoordigheid hen allen zoude vertroosten in de verdrukking, verlichten in den twijfel en versterken in de vervolging. Hoogst noodig voorzeker was Maria's tegenwoordigheid voor de opkomende Kerk, opdat die kolom der waarheid niet van haar voetstuk geslagen werdquot;. Met deze verklaring stemt de openbaring van de H. Brigitta geheel over-

205

ocr page 208

MATER DOLOROSA.

206

een ; „Als haar Zoon Zijn rijk binnenging, bleef de gezegende Maagd Maria op aarde achter, om de goeden te troosten en de dwalenden terecht te wijzen; Zij toch was de Leermeesteres dei-Apostelen, de Sterkte der Maitelaren, de Wijsheid der Belijders, de zuiverste Spieg-el der Maagden, de Troosteres der gehuwden, de heilzaamste Wegwijzer en hechsteSteun aller geloovigenquot;. lleeds vóór de Verrijzenis van haar Goddelijk Kind trad Maria op als de toevlucht der zondaren. De Prins der Apostelen toch, die, na zijne bekeering, zijne broeders in het geloof moest versteiken, beweende in eene rotsspelonk de verloochening- zijns Meesters en trof Maria op den berg- der Olijven, waar hij hare voorspraak en bescherming inriep. Door de Moeder van Smarten werd hij uiterst minzaam ontvangen en versterkt in zijne goede voornemens. Daarom stichtte hij te harer eer eene kapel in de nabijheid van Tortosa in Syrië, waar hij het zaad van het heilig Evangelie uitstrooide. O, ware Judas, de verrader, in gelijke gesteltenis, met een rouwmoedig hart opgegaan tot de Moeder des Heeren, ongetwijfeld zoude Zij ook voor hem genade en barmhartigheid bij haren Goddelijken Zoon bekomen hebben. Daarom, mijne ziel, hoe zwaar en talrijk uwe zonden ook mogen wezen, stel uw vertrouwen op Maria, die de volheid dei-genade bezit. Zij, de hulp der Christenen, is alles voor allen geworden, om allen te win-

ocr page 209

ZBVENDTÜ SMART.

nen; Haar gaat niets zoozeer ter harte alsuyve zaligheid. Wat vraagt gij nog verder, wat eischt gij nog meer in de H. Maagd ?quot; zegt de H, Thomas van Villanova, „het zij u genoeg, dat Zij de Moeder Gods isquot;.

Dit voorbeeld van den H. Petras volgden ook de overige Apostelen en de eerste Christenen. In moeilijkheden, in kwellingen en vervolgingen wendden zij zich tot de Moeder der Heeren, de onwrikbare Znil der Waarheid. „In Haarquot;, zegt de H. Ambrosius, „vonden zij de ware tucht, de zuivere deugd en de echte vroomheid onder alle opzichtenquot;. De H. Dionysius verklaart, dat hij uit de tegenwoordigheid en de samenspraak van Maria zooveel inwendigen troost ondervond, dat noch zijn lichaam noch zijne ziel het kon verdragen. „Hadde het geloof mij niet verlichtquot;, zoo bekent hij, „ik had do H. Maagd voor eene godheid gehoudenquot;.

Volgens de bewering van Lorinus, werd ook de H. Stephanus, de eerste Martelaar, op bijzondere wijze door Maria bijgestaan; de stee.nen waren hem zoet en aangenaam, omdat, zoolang zijne steeniging duurde, Maria op hare knieën tot den Heer bad en voor haren gunsteling de genade der zalige volharding verwierf. Dit gevoelen wordt ook gestaafd door den scherpzin-nigen schriftuurverklaarder Cornelius a Lapide, die getuigt: „De H. Stephanus dankt de kroon van het martelaarschap aan de H. Maagdquot;.

207

ocr page 210

208 MA.TBR DOLOROSA.

O mijne ziel, schep moed, in welke noodweu-digheid gij u ook bevinden moogt, ga met vertrouwen tot de Moeder var; Smarten; gelijk Jezus wil, dat alle menschen zalig worden en komen tot de kennis der waarheid, zoo neemt uw Moeder Maria volgaarne op Zich de verdediging der ellendigeu en de bescherming der zondaren. Neen, Zij zal degenen niet verstoten, voor wie haar Goddelijke Zoon Zijn Kruis en lijden gedragen heeft. — De goede zorgen nu der allerheiligste Maagd bepaalden zich niet slechts tot degenen, die zich in hare onmiddelijke nabijheid bevonden, zij strekten zich ook uit tot de afwezigen, welke Zij door hare brieven troostte. Zoo verhaalt ons een tijdgenoot van den H. Hieronymus, dat de H. Ignatius, Bisschop en Martelaar, onder de vervolging van keizer Trajanus, van Maria een schrijven heeft ontvangen van den volgenden troostrijken inhoud: „De nederige Dienstmaagd van Jezus Christus groet den beminden Leerling Ignatius. Wat gij aangaande Jezus van Joannes vernomen en geleerd hebt, is waarheid; geloof zulks, en richt daarnaar uw levensgedrag in. Wees standvastig, en strijd dapper in het geloof; laat de hevigheid der vervolging u niet ontstellen, maar dat uwe ziel versterkt worde en juiche in God, uw heil. Amenquot;. Ook aan do inwoners van Mes sana, die door een gezantschap de bescherming hunner stad van de allerheiligste Maagd afsmeek-

ocr page 211

ZEVENDE SMART.

ten, zond Maria een eigenhandig geschreven brief, welke aldus luidt: „Maria, dochter van Joachim uit den stam van Juda, de geringste uit het huis van David, de Moeder van Jezus Christus den gekruisigde, aan alle burgers van Messana heil en zegen van den Vader aller eeuwen. Het is Ons bekend, dat gij, geleid door uw levendig geloof, gezanten en smeekelingen hebt afgevaardigd; hoe gij met een dankbaar gemoed belijdt, dat mijn Zoon, God en mensch te zamen, na Zijne glorievolle Verrijzenis, ten Hemel is opgeklommen; alsmede hoe gij, volgens de leer en de prediking van onzen Apostel Paulus, in alles den rechten weg der waarheid erkent. Daarom verleenen Wij u en uwe stad, die Wij als de onze aannemen, onzen zegen met de verzekering onzer bijzondere bescherming en verdedigingquot;. Zie, mijne ziel, hoe Maria allen zonder uitzondering onder den mantel harer moederlijke liefde wil opnemen ; aarzel derhalve niet u zelve onder hare bescherming te stellen. Die wanhoopt, moet nog op deze goede Moeder vertrouwen. „Wilt gijquot;, zegt do H. Bernardus, „eene voorspreekster bij Christus hebben ? neem uw toevlucht tot Maria ; de Zoon zal ongetwijfeld Zijne Moeder verhoorenquot;. „Het kan niet geschiedenquot;, zoo roept Ludovicus Blosius uit: „dat een ijverig en nederig dienaar van Maria verloren gaquot;.

Oefening van deugd : Met vertrouwen opgaan

209

14

ocr page 212

mater dolorosa.

tot Maria, die reeds op aarde alles voor allen was, en nu in de glorie des hemels het heil harer kinderen blijft behartigen.

Schietgebed: Tot U, heilige Moeder Gods, nemen wij onze toevlucht. Amen.

Voorbeeld.

Een rijke en adellijke maagd was de ijdelheden dezer wereld ontvlucht in een benedictijnerklooster te Fuercobain in Engeland. Vele jaren reeds had zij hier een voorbeeldig leven geleid, toen de duivel haar zijne strikken spande, vooral door de bekoringen van zinnelijkheid. Om de onschuldige kloosterlinge te verleiden, zond de Satan tot haar eenen jongeling van buitengewone schoonheid, die door zijne vleitaal en schoone voorspiegelingen langzamerhand het hart der argelooze zuster geheel veroverde, zoodat zij besloot heimelijk het klooster te verlaten en in de wereld terug te keeren. Te middernacht verliet zij hare cel, om met haren beminde te ontvluchten. Daar de toegang naar buiten door de kerk voerde, kwam zij voorbij een oud en eerbiedwaardig Christusbeeld, dat door de ge-loovigen hoog vereerd werd. Onder dit Kruis nu stond de beeltenis van de Moeder der Smarten, die hare dochter toeriep: „Waar gaat gij heen, ongelukkige ? Waarom verzaakt gij mijnen Zoon terwille van den duivel ? Angstig bleef de

210

ocr page 213

ZBV13NDB SMART.

211

verleide een oogenblik stilstaan, doch vervolgde weldra haren boozen weg'. Daarop liet de gekruisigde Heiland Zijne rechterhand los, en wierp den spijker, waarmede Hij vastgenageld was, met groote kracht tegen het hoofd van de vluchtelinge, die zwaar gewond ter aarde viel en half dood bleef liggen. Als de kloosterzusters des morgens, voor de Getijden, in de kerk bijeen kwamen, hoorden zij eene stem uit den hemel, welke haar toeriep: „Komt geliefde zusters, richt uwe medezuster van den grond op, die door den Gekruisigde, om haar verraad tegen Hem en Zijne Moeder gepleegd, zoo deerlijk gewond isquot;. De zusters hielpen de ongelukkige op, trokken den spijker uit hare wang, stelpten hetuitstroo-mende bloed en brachten haar in hare cel terug', waar zij door langdurig gebed en zware boetvaardigheid de gezondheid naar lichaam en ziel terug bekwam. Men beweert verder dat, tot gedachtenis van dit wonder, de rechterhand van dit miraculeuze Kruisbeeld nog altijd zonder nagel, los van den dwarsbalk, langs het lichaam neerhangt.

ocr page 214

ACHT EN TWINTIGSTE FEBRUARI.

Zevende Smart.

Vierde Verhandeling: Maria volhardt in de overweging van Jezus' lijden.

Wanneer deanneer de H. Brigitta, op tienjarigen leeftijd, eene prediking over het lijden des Heeren gehoord, had, zag zij den volgenden nacht Jezus aan Zijn Kruis met bloed overdekt. Sedert dien tijd werd zij bij de overweging daarvan zóó aangedaan, dat zij er nimmer meer zonder tranen aan denken kon. Als nu do afbeelding reeds zulk een indruk maakte, hoezeer moot dan de werkelijkheid de ziel onzer gezegende Moeder tot het diepste toe geroerd hebben, die het bloedig lijden en sterven van haar Goddelijk Kind met eigen oogen aanschouwde. „De gedachten van Maria, gedoopt in het Bloed des Heeren, warenquot;, zegt Kardinaal Wilhelmus, „immer zoo gesteld, alsof zij het versche bloed uit de Wonden zagen uit-

ocr page 215

ZEVENDE SMART.

213

vloeien.quot; „De H. Maagd,quot; zoo getuigt Justinus Miechoviensis, „overwoog' gestadig al de geheimen van Christus' leven en lijden: al hare woorden gaven getuigenis van Christus, hare gedachten en verzuchtingen doelden op Christus. Als zij uitging, wandelde Zij niet zonder Christus; wanneer Zij weende, schreide Zij om de smarten van Christus. Hare vreugde was blijdschap over Christus. Geheel met God vereenigd, was Zij gansch aan Christus toegewijd. Zij kon voorzeker geen enkel tijdstip van het leven en lijden haars Zoons vergeten, daar haar hart de duidelijkste spiegel was van Christus' lijden en sterven.quot; Volgens de verklaring van Alanus stelde Maria Christus als een zegel op haar hart, omdat Zij Hem gelijkvonnig werd door hare navolging en bezegeld door Zijne genade.quot; De smarten in het allerheiligste Hart onzer Moeder duurden tot het einde haars levens, zoodat Zij met den Profeet Jeremias klagen mocht; „In mijn geheugen blijf Ik gedachtig: en mijne ziel kwijnt weg in Mijquot; „Wilt ge wetenquot;, vraagt de H. Ildephonsus. „wat de Moeder Gods na do Verrijzenis des Heeren, voordat Zij zelve ten Hemel werd opgenomen, verricht heeft? Veelvuldig heeft Zij de plaatsen bezocht waar haar Goddelijk Kind geboren werd, geleden heeft, begraven en verrezen is ; daar schonk Zij dan den vrijen loop aan hare tranen, terwijl Zij die gezegende oorden herhaaldelijk met dc

ocr page 216

214 MATER DOLOROSA.

hartelijkste teederheid kuste.quot; Vooral verwijlde de Moeder Gods gaarne bij hot H. Graf eu op den Olijfberg. Hierover getuigt Cornelius k Lapide: ,De H. Maagd bezocht herhaaldelijk en devotelijk het Graf van Christus, dat in de steenrots was uitgehouwen, alsmede den berg van Calvarië, waar het Kruis van Christus geplant was, en Zij verwijlde er zóólang, dat Zij daar hare woning scheen gevestigd te hebbenquot;.

Dit getuigenis der Heiligen en der Schriftuur-verklaarders, wordt ook bevestigd door eene openbaring van Maria aan de H. Brigitta; .Gedurende den tijd, welken Ik, na de hemelvaart van mijn Zoon, op aarde doorbracht, heb Ik de plaatsen bezocht, waar Hij geleden en Zijne wonderwerken getoond heeft; en Zijn lijden was zóó diep in mijn hart geprent, dat hot altijd vooraan stond in mijne gedachte, hetzij Ik at, hetzij Ik werktequot;. En onze gezegende Moeder verrichtte dan die bezoeken en overwegingen met zóóveel aandacht en toewijding, met zóóveel liefde en medelijden, dat Zij het zeker zou bestorven zijn, als de Goddelijke Voorzienigheid Haar niet in het leven bewaard had tot troost der eerste Christenen. Mot meer recht dan de H. Paulus kon de H. Maagd verklaren: „Met Christus ben Ik aan het Kruis gehecht: Ik leef, alzoo niet Ik, maar Christus leeft in Mijquot;. Het Leven van haar leven zweefde gestadig voor Maria's geest, én den wil te volbrengen van haar

ocr page 217

ZEVENDE SMAET.

Goddelijk Kind was haar spijs cn drank. In loven, lijden en sterven wenschtte Zij aan haren Zoon gelijkvormig te worden. Steeds meer en meer in liefde tot haren Jezus toenemende, verzuchtte onze Moeder onophoudelijk: „Ik wensch ontbonden te worden en met Christus te zijnquot;.

O mijne ziel, die weinig of niet aan Jezus en Zijn lijden denkt, wat zijt gij een onwaardig kind uwer Moeder, volg toch eindelijk haar voorbeeld, en druk 's Heeren leven in uw gedrag uit. Want ijdel draagt gij den naam van Christen, als gij Christus niet navolgt. Behartig deze vermaning van den H. Bernardus : „Jezus zij immer in uw hart, en het beeld van den Gekruisigde wijke nooit uit uwen geest. Jezus zij uw spijs en drank, uw zoetheid en vertroosting, uw gebed en overweging', uw loven en sterven.quot; Zijt gij ongevoelig in het gebed en klaagt gij over dorheid bij uwe overwoging, zie dan op naar Calvarië en doe naar het voorbeeld, dat uwe Moeder u op den lijdensberg getoond heeft. „De allerheiligste Maagd, zegt de H. Ephrem, staande onder hot Kruis, zag op naar den Verlosser, die aan het schandhout was opgehangen, overdacht Zijne wonden, overwoog Zijne kwellingen, slagen en striemen, onder zware zuchten en luid geklaag, terwijl Zij in de bedruktheid haars harten uitriep : „Mijn allorbeminnelijkst Kind, mijn veelgeliefde Zoon, hoe verduurt Gij uw Kruis ? Mijn Heer en mijn

215

ocr page 218

MATER DOTjOTÏOSA.

216

God, hoe verdraagt gij die beapuwing, die wreede nagelen en dien onbarmhartigen lanssteek ? Wat lijdt Gij die slagen, bespottingen en beleedigin-gen, die doornenkroon en dat spotkleed, dien rietstok met de gal en den azijn'? Waartoe ondergaat Gij dien dorst, Gij de maker van het heelal, die de zee en alle wateren geschapen hebt? Waarom hangt Gij naakt aan üw kruis, Gij die de hemelen met wolken bedekt? Waarom sterft de Onschuldige te midden der boosdoeners ? Wat kwaads hebt gij bedreven ? Waarin, mijn Zoon, hebt Gij de kinderen van Israël beleedigd ? En waarom hechten die boozen en ondankbaren, wier kreupelen en zieken Gij genezen hebt, U aan het kruis ? En Gij, mijn dierbaar Kind, grootmoedige Heiland, wat komt Gij jammerlijk om ? Ik bezwijk, als ik U aan het Kruis zie hangen, zoo wreed doorboord en met wonden overdekt. Waar is nu uwe schoonheid? Wat is er van Uwe waardigheid geworden? Helaas! het licht is uitgedoofd. De heldere maan is in de duisternis verzonken, de steenrotsen zijn gebarsten, de grafmonumenten geopend, het voorhangsel des tempels is in tweeën gescheurd, de onbezielde wezens hebben hunnen Schepper en Maker erkend, en de verstokte en rampzalige Hebreën hebben hunne ooren gestopt en hunne oogen gesloten om de ondergaande Zon nimmer te aanschouwen ! Ach mijn arm Kind ! O bewonderenswaardige Simeon, dat

ocr page 219

ZEVBNDE SMART.

was dan het zwaard, hetwelk volgens uwe voorspelling mijne ziel moest doorboren !

Mijn Zoon en mijn God, welk een bloedig zwaard ! Uw dood verwondt mijn hart en ver scheurt mijne ingewanden; mijn licht is uitgedoofd, omdat een wreed zwaard mijne borst heeft doorstoken. Mijn kind en Mijn opperste Heer, zoo moet Ik dan Uw smartelijk lijden aanschouwen, getuige zijn van Uwen onrechtvaardigen dood, zonder dat Uwe Moeder U cenige hulp kan verschaffen. Weent met Mij, alle Leerlingen des Heeren, die mijne smart en de diepe wond mijns harten aanzietquot;. O, mijne ziel, geet gehoor aan die uitnoodiging der allerheiligste Maagd, sta met Haar dagelijks onder het Kruis van haren Jezus en heb innig medelijden met de Móeder van Smarten; vraag dan uwen gekruisigden Verlosser: „Wat beteekenen die wonden in het midden uwer handen? Waartoe die geopende zijde? Waarvoor die doorboorde voeten? Waar om al die striemen en slagen, welke Uw Lichaam overdekken ? En de goede Heiland zal u zacht verwijtend antwoorden: „Zoo ben ik geslagen in het huis dergenen die Mij bemindenquot;, ja. lieve Jezus, ik be grijp uwe gegronde klacht, ik verkondig zoo luid, dat ik U liefheb, en mijn hart is zoover van U verwijderd ; vaak heb ik U achtergesteld bij de wereld en hare ijdelheid ; om een nietswaardig vermaak heb ik U verzaakt; 't is waar, goede Meester, ik heb den dood en

217

ocr page 220

rft

II ü

mater dolorosa.

de hel verdiend, maar toch wil ik niet wanhopen, zoolang Uw Hart en Uwe heilige Wonden geopend zijn : met oen rouwmoedig hart vlucht ik in Uwe armen, gezegende Zaligmaker, ontsteek mij in vurige liefde en dankbaarheid, en duld niet, dat ik mij ooit uit Uwe zoete omhelzing losscheurc. O Maria, Moeder van Smarten, om de liefde, waarmede gij uwen Zoon aan Zijn Kruis omhelsd hebt, verwerf mij genade en barmhartige vergiffenis.

Oefening van deugd. Volharden in de overweging van Jezus'lijden, daar de beloofde zaligheid verzekerd is aan de deelgenooten van 's Heeren pijnen.

Schietgebed. Lieve Moeder, laat mij met U schreien en Uwen gekruisigden Zoon beweeuen, al de dagen mijns levens. Amen.

Voorbeeld.

Wanneer de H. Elisabeth op zekeren keer de matelooze liefde van Jezus overwoog, en met bijzondere aandacht do beeltenis van den Gekruisigde aanschouwde, geraakte zij buiten zich zelve. Weder bijgekomen riep zij uit: „O mijn Jezus, hoe was het tot nu toe met mij gesteld ? Terwijl de Heer van hemel en aarde naakt en verlaten aan Zijn Kruis hangt, zal ik, stof en asch, mij verhoovaardigen ? Gij draagt een kroon van scherpe doornen, en mij siert een gouden

218

ocr page 221

ZEVENDE SMAKT.

219

krans, met edelgesteenten bezet ? Gij mijn Bruidegom baadt in Uw bloed, en ik ga gekleed in koninklijk purper en gouden weefsel? Uwe handen zijn met ruwe nagelen doorboord, en ik bedek de mijne met uitgelezene stoffen ? Uw allerheiligst Hart en Zijde zijn met eene wreede lans doorstoken, en mijn hart is ongevoelig voor U en onverschillig voor de armen? Hoe, Gij in de hoogste en uiterste armoede, en ik in vollen overvloed ? Gij de geringste der menschen, en ik zou eenige vertooning maken? Gij gekweld door honger en dorst, en ik zou mij te goed doen aan uitgezochte spijzen ? Gij in de bitterste smarten, en ik bij fijne gerechten ? O allerbeminnelijkste Jezus, hoe hebt Gij tot nu toe dat ij del stof der aarde zoo zachtzinnig kunnen verdragen? In de toekomst zal het anderszijn: ik wil uitsluitend voor U leven, of niet meer leven!quot; En onze Heilige hield woord. Zij verwisselde het koninklijk gewaad met het kleed der armen, en leidde tot haren dood toe een allerheiligst leven.

ocr page 222

DE H. MIS.

Aan den voeb

S. In uoniinePutris, ct Filii, et Spiritus Saucti. Amen.

M

Introibo ad altarc Dei.

Ad Deum ((iii lae tilicat juveututom meam.

van het altaar.

P. In den naam des Vaders en des Zoons en des H. Gecstes. Amen.

Ik zal ingaan tot het altaar Gods.

D. Tot God, die mijne jeugd verblijdt.


Psalm 42.

Judiea me Deus, et discerne eausam meam de gentenon sancta: ab homilie iniquo et doloso erue me.

Quia tu es Deus lor-titudo rnea: quare me repulisti, ct quare tristis ince-do, dum affiigit me inimicus ?

M,

P. Oordeel mij. Heer, en wijs mijne zaak uit tegenover het onheilige volk : van den ongerechten en listi-gen tnensch bevrijd mij.

D. Want Gij, o God, zijt mijne sterkte: waarom hebt Gij mij verworpen ? en waarom vervolg- ik treurig mijnen weg, onder


ocr page 223

DB TI. MIS.

221

S. Emittelucem tuam, et veritatem tuam: ipsa me deduxerent, et adduxerunt in m on tem sanctum tuurn, ct in taber-naeula tua.

M. Et introibo ad al-tare Dei: ad Deum qui laetificat juven-tutem meam.

S. Conlitebor tibi in cithara, Deus, Deus meus: (|uare tristis es anima mea, et quare conturbas me ?

M. Spera in Deo, quo-niam adhuc confi-tobor illi: salutare vultus mei, et Deus meus.

S. Gloria Patri, et Filio, ct Spiritui Sancto.

M. Sicut erat in prin-cipio, et nunc, et som per, et in sae-cula saeculorum. Amen.

de verdrukking van mijnen vijand ?

P. Zend Uw licht en Uwe waarheid; zij toch hebben mij geleid en gebracht naar Uwen heiligen bergen tot Uwe tabernakelen

D. En ik zal ingaan tot het altaar Gods : tot God, die mijne jeugd verblijdt.

P. Op de harp zal ik Uwen lof verkondigen, God, mijn God! Waarom, mijne ziel, zijt gij bedroefd, en waarom ontstelt gij mij ?

D. Hoop op God, want Hem zal ik loven : het heil van mijn aangezicht en mijn God.

P. Glorie zij den Vader en den Zoon en don H Geest.

D. Gelijk het was in den beginne en nu en altijd, en in do eeuwen der eeuwen. Amen.


ocr page 224

DE H. MIS.

222

S. Introibo ad altare Dei.

M. Ad Dcum qui lao-tiflcat juventutem meam.

S. Adjutorium nostrum in nomine Domini.

M. Qui fecit coelum et terram.

S. Confiteor Deo om-nipotenti, beatae Mariae semper Virgin!, beato Michaëli Archangelo, beato Joanni Baptistae, sanetis Apostolis Petro et Paulo, omnibus Sanetis, et vobis Iratres; quia peccavi nimis, cogi-tatione, verbo, et opere: mea culpa, mea culpa, mea maxima culpa. Ideo precor beatam Ma-riam semper Virgi-nem ,beatum Micha-ëlem Archangelum, beatum Joannem Baptistam, sanctos Apostolos Petrum et Paulum, omnes

P. Ik zal ingaan tot het altaar Gods.

D. Tot God, die mijne jeugd verblijdt.

P. Onze hulp zij in den naam des Heeren.

D. Die hemel en aarde gemaakt heeft.

P. Ik belijd voor den al-machtigen God, voor de heilige Maria, altijd Maagd, voor den heiligen Aartsengel Michaël, voor den heiligen Joannes den Dooper, voor de heilige Apostelen Petrus en Paulus, voor alle Heiligen, en voor u broeders: dat ik zeer gezondigd heb door gedachte, woord, en werk: door mijne schuld, door mijne schuld, door mijne grootste schuld Daarom bid ik de heilige Maria, altijd Maagd, den heiligen Aartsengel Michaël, den heiligen Joannes den


ocr page 225

DB H. MIS.

223

Sanctos, et vos fra-tres orare pro me ad Dominum Deum nostrum.

M. Miscreatur tui om-nipotens Deus, et dimissis peccatis tuis, perducat te ad vitam aeternam.

S. Amen.

Deinde ministri re-petunt Confessio-nem : et ubi a Sa-cerdote dicebatur „vobis fratresquot;, et „vos fratresquot;, a mi-nistris dicitur „tibi paterquot;, et „te paterquot;.

S. Misereatur vostri omnipotens Deus, et dimissis peccatis vestris, perducat vos ad vitam aeternam.

M. Amen.

S. Indulgentiam, ab-solutionem, et re-missionem pecca-torum nostrorum,

Dooper, de heilige Apostelen Petrus en Paulus, alle Heiligen, en u broeders, voor mij tot den Heer, onzen God, te bidden.

D. De almogende God ontferme Zich over u, en geleide u, na de vergiffenis uwer zonden, tot bet eeuwig leven.

F. Amen.

Nu bidden de misdienaars het „Conli-teorquot; en waar de Priester gezegd heeft „voor u broedersquot; en „u broedersquot;, zeggen zij „voor u vaderquot; en „u vaderquot;.

F. De almogende God ontferme Zich over u, en geleide u, na de vergiffenis uwer zonden, tot het eeuwig leven.

D. Amen.

F. Vrijlating, kwijtschelding en vergiffenis onzer zonden, ver-lecne ons de almo-


ocr page 226

DVj TT. MTS.

224

tribuat nobis omni-potens, et miseri-cors Dominus.

M. Amen.

S. Deus, tu converses vivificabis nos.

M. Et plebs tua laeta-bitur in te.

S. Ostende nobis Domme misericordi am tnam.

M. Et salutare tuum da nobis

S Domineexaudiora-tiouem nieam

M. Et clamor mens ad te vcniat.

S. DominusvobiscTim.

M. Et cum spiritu tuo.

S. Oremus.

gende en barmhartige Hoer.

D. Amen.

P. Als Gij, o God, U tot ons keert, zult Gij ons levend maken.

D. En Uw volk zal zich in U verheugen.

P. Toon ons Heer Uwe barmhartigheid.

D. En geef ons Uw heil.

P. Heer verhoor mijn gebed.

D. En mijn geroep kome tot U.

P. De Heer zij met u.

D. En met uwen geest.

P. Laat ons bidden.


Opgaande naar het altaar.

Aufer a nobis, quae-sumus Domine, ini-quitates nostras: ut ad Sancta Sanctorum, puris mereatnur men-tibus introire. Per Christum Dominum nostrum. Amen.

Neem, bidden wij Heer, onze ongerechtigheden van ons weg, opdat wij waardig worden in eene zuivere gesteltenis op te gaan tot het Heilige der Heiligen. Door Christus, onzen Heer. Amen.


L

ocr page 227

db ii. mis,

225

Voor het midden van het altaar.

Oi-amus te Domine, per merita Sanctorum tuorum, quorum reliquiae hie sunt, et omnium Sanctorum ; ut indulg-ere dignerisomnia peccata mea. Amen.

Wij bidden U, Heer, door de verdiensten der Heiligen, wier overblijfselen hier bewaard worden, en van alle Heiligen, dat Gij mij al mijne zonden gelieft kwijt te schelden. Amen.


Aan den epistelkant.

Introïtus. Inleiding.

Stabant juxta cru-cem Jesu mater ejus, et soror matris ejus Maria Cleophae, et Salome, et Maria Magdalene.

Vers. Muiier, ecce filius tuus : dixit Jesus; ad discipulum autem; Ecce mater tua.

V. Gloria Patri et Filio et Spiritui Sancto. Sicut erat inprincipio, et nunc, et semper, ct in saecula saeculo-rum. Amen.

Stabant juxta crucem etc. ad. Vers.

Naast het Kruis van Jezus stonden Zijne Moeder, en de zuster Zijner Moeder, Maria van Cleo-phas en Salome en Maria Mag'dalena.

Vers. Vrouw, ziedaar uw Zoon, zeide Jezus; en tot den Leerling: Ziedaar uw Moeder.

V. Glorie zij den Vader en den Zoon en den H. Geest. Gelijk het was in den beginne en nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Naast het Kruis enz, tot het Vers.


16

ocr page 228

db h. mis.

De Kyrie.

Altbrnatim cum Bhurtblings met db

misdienaars.

Heer, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer.

Christus, ontferm U onzer. Christus ontferm ü onzer. Christus ontferm U onzer.

226

ministris.

Kyrie eleison. Kyrie elelson. Kyrie eleison.

Christe eleison. Chris-te eleison. Christe eleison.

Kyrie oleison. Kyrie eleison. Kyrie eleison.

Heer, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer. Heer ontferm U onzer.

Se Gloria.

Gloria in excelsis Deo. Et in terra pax hominibus bonae voluntatis. Laudamus te. Benedicimus te. Adoramus te. Gflori-ficamus te. Qratias agimus tibi propter magnam gloriam tu-am. Domine Deus, Rex coelestis, Deus Pater omnipotens. Domine Fili unigenite Jesu Christe, Domine Deus, Agnus Dei, Filius Pa-tris. Qui tollis peccata mundi, miserere nobis.

Glorie aan God in den hooge. En vrede op aarde den mensehen van goeden wille. U loven wij. U zegenen wij. U aanbidden wij. U verheerlijken wij. U zeggen wij dank om Uwe groote glorie. Heer, onze God, hemelsche Koning, (U, o) God, almachtige Vader. (U) Heer eenig-geboren Zoon Jezus-Christus.

Heer God, Lam Gods. Zoon des Vaders. Dit wegneemt de zonden


ocr page 229

227

Qui tollis peccatamun-cii, suscipe deprecatio-uemnostram. Quisedes ad dexteram Patris, miserere nobis Quo-niam tu solus sanctus. Tu solus Dominus. Tu solus Altissimus, Jesu Christe. Cum sancto Spiritu, in gloria Dei Patris. Amen.

S. Dominus vobis-cum.

M, Et cum spiritu tuo.

S. Oremus.

S. Interveniat pro nobis, quaesumus Do-inine Jesu Christe, nunc, et in hora mortis nostrae apud tu-iim clementiam beata Virgo Maria mater tua; eujus sacratissi-mam animam in hora tuae passionis doloris gladius pertransivit. Qui vivis et regnas cum Deo Patre in uni-tate Spiritus Sancti Dens, per omnia sae-cula saeculorum.

der wereld, neem onze smocking aan. Die zetelt aan de rechterhand des Vaders, ontferm U onzer. Want gij alleen zijt heilig. Gij alleen de allerhoogste, Jezus Christus ; met den Heiligen Geest, in de glorie van God den Vader. Amen.

P. De Heer zij met u.

D. En met uwen geest.

P. Laat ons bidden.

P. Wij bidden U, Heer Jezus-Christus, laat, nu en in het uur van onzen dood, de allerzaligste Maagd Maria, Uwe Moeder, onze voorspraak wezen bij Uwe goedertierenheid; Zij, Wier allerheiligste ziel, in het uur van Uw lijden, door hot zwaard van droefheid doorboord werd. Gij, die als God leeft en heerscht met God den Vader in de eenheid van den H. Geest, door alle eeuwen der eeuwen.


ocr page 230

db tt. mis.

M. Amen. D. Amen.

Lpistel.

228

Lectio li hui Judith.

Benedixit te Domi-mis in virtute sua. quia per te ad nihilum re-degit inimicos nostros. Benedicta es tu filia a Domino Deo excelso, prae omnibus mulieri-bus super terrain. Be^ nedictus Dominus, qui ereavit eoelum et ter-ram : quia horlie nomen tuum ita magni-lieavit, ut non recedat laus tua de ore homi-num, qui memoies fuerint virtutis Domini in aetenuun, pro quibus non pepercisti animae tuae propter angustias et tribulatio-nem generis tui, sed subvenisti ruinae ante conspectum Dei nostri.

M. Deo gratias.

Les uit het isoek Judith.

De Heer heeft u gezegend in Zijne macht, omdat Hij door u onze vijanden in het stol'heei't nedergeworpen. Gezegend zijtgij,dochter,door den Heer, den allerhoog-sten God, boven alle vrouwen der aarde. Gezegend de Heer, die hemel en aarde gemaakt heeft: omdat Hij heden uwen naam zoo verheerlijkt heeft, dat uw lof niet zal wijken van de lippen der menschen, die in de eeuwen 's Heeren wondermacht gedachtig zijn, en voor wie gij uw leven niet gespaard hebt om de angsten en kwellingen van uw geslacht, maar van wie gij den ondergang afgewend hebt voor liet aanschijn van onzen God.

D. God zij gedankt.


ocr page 231

DB H. MTS

229

Dolorosa et lacryma-bills es. Virg'0 Maria, stans juxta cruccm Do-mini Jesu Filil tui Rc-demptoris.

Alleluja, Alleluja.

Virgo Dei genitrix, quem totus non capit orbis, hoe crucis fert supplicum, auctor vi-tae factus ho.no.

Alleluja.

Voor het

Munda eor meum, ac labia mea, omnipotens Deus, qui labia Isaiae Prophetac calculo nmn-dasti ignito : ita me tua grata miseratione clig-nare mundare, ut sanctum Evangclium tuum digne valeam nuntiare. Per Christum Domi-num nostrum. Amen.

Jube domne bene-dicere.

In droefheid gedom-l)eld en betreurenswaardig zljtGij Maagd Maria, staande bij het Kruis van den Heer Jezus, uwen Zoon, den Verlosser.

Halleluja, Halleluja.

Maagd, Moeder van den God, dien de geheele aarde niet kan bevatten, van den oorsprong des levens, die inensch geworden is, en die de straf des kruises ondergaat.

Alleluja.

Evangelie.

Zuiver mijn hart en mijne lippen, almogende God, die de lippen van den Profeet Isaias met eene vurige kool g'ezui-verd heb ; gelief mij door Uwe genadige ontferming zóó te zuiveren, dat ik Uw heilig Evangelie waardig mag verkondigen Door Christus onzen Heer. Amen.

Heer, geliet te zegenen.


ocr page 232

DB H. MIS.

Donünus sit in corde De Heer zij in mijn mco, et in labiis meis: hart en op mijne lippen : ut digne et competen- opdat ik Zijn Evangelie ter annuntiem Evan- waardig en naar behoo-gelium siuun Amen. ren moge verkondigen.

Amen.

Het Evangelie.

230

S. Dominus vobis-eum.

M. Et cum apiritu tno.

S. Sequentia sancti Evangelii secundum Joannem c. 19.

M. Gloria tibi Do-mine.

In illo tempore: Sta-bantjuxta crucem Jesn mater ejus, et soror matris ejus Maria Cle ophae, et Maria Magdalene. Cum vidisset ergo Jesus matrem, et discipulum stantcm, quem diligebat, dicit matri suae: Muiier ecce filius tuus ! Deinde dicit discipulo : Ecce mater tua. Et ex illa hora accepit earn discipulus in sua.

P. De Heer zij met u.

M. En met uwen geest.

P. Vervolg van liet heilig Evangelie volgens Joannes. 19de Hoofdst.

M. Glorie aan U, o Heer.

In dien tijd stonden naast het Kruis van Jezus Zijne Moeder en de zuster Zijner Moeder, Maria van Cleophas, en Maria Magdalena Als Jezus dan Zijne Moeder zag en den Leerling, dien Hij liefhad, zeide Hij tot Zijne Moeder; „Vrouw, ziedaar uw zoonquot;. Daarna zeide Hij tot den Leerling: „ Ziedaar uw Moederquot;. Én van dat oogenblik al' nam de Leerling Haar tot zich.


ocr page 233

DB n. mts.

M. Laus tibi, Cliriste. D. Lol' aan U, o Christus.

De [Credo.

Credo in umim De- Ik geloof in eenen God, um, Patrem omnipo- den almachtigen Vader, tentem, l'actorem coeli Schepper van hemel en et terrae, visibilium aarde, van alle zichtbare omnium et invisibili- en onzichtbare dingen, um. Et in unum L)o- En in eenen Heer Jezus-minum Jesum Chris- Christus, Gods eenigge-tum Filium Dei uni- boren Zoon, voor alle genitum. Et ex Patre eeuwen uit den Vader natuni ante omnia sae- geboren. God van God, cula. Deum de Deo, licht van licht, ware God lumen de lumine. De- van den waren God. Ge-um VerumdeDeovero. boren, niet gemaakt, me-Genitum, non factum, dezelfstandig met den consubstantialem Pa- Vader : door Wien alles tri: per quem omnia gemaakt is. Die om ons facta sunt. Qui prop- menschen en om onze ter nos homines, et zaligheid uit de hemelen propter nostrain salu- is neder gedaald. En is tem descendit decoelis. vleesch geworden door Et incarnatus est de den H. Geest uit de Maagd Spiritu sancto ex Maria Maria : En is mensch ge-Virgine: Et homo fac- geworden. Hij is ook voor tus est. Crucifixus eti- ons gekruisigd : heeft ge-am pro nobis: sub Pon- leden onder Pontius Pila-tio Pilato passus, et tus, en is begraven. En sepultus est. Et resur- Hij is op den derden dag réxit tertia die, secun- verrezen, volgens de dum Scripturas. Et Schriften. En Hij is op-ascendit in coelum: geklommen ten hemel:

231

ocr page 234

DB n. MIS.

232

sedet ad dextoram Pa tris. Et itcrum vontu-rus est cum gloria ju-dicare vivos et mortu-os: cujns regni non erit flnis. Et in Spiri-tum Sanctum Domi-nura, et vivificantem : qiii ex Patre, Filioque procedit. Qui cum Patre et Filio simul adoratur, et conglori-ficatur: qui locutus est per Prophetas. Et unam sanctam Catho-licam et Apostolicam Ecclesiam. Contiteor unum baptisma in re-missionem peccatorum. Et exspecto resurrec-tionem mortuorum Et vitam venturi saeculi. Amen.

S. Dominus vobis-cum.

M. Et cum spiritu tuo.

Oremus.

Oppehtorium.

Recordare, Virgo mater Dei, dum ste-teris in conspectu zit aan de rechterhand des Vaders. En Hij zal in heerlijkheid wederkomen om levenden en doo-den te oordeeleu: en Zijn rijk zal geen einde hebben. En in den H. Geest, den Heer en levendmakende : die uit den Vader en den Zoon voorkomt. Die met den Vader en den Zoon tegelijk wordt aangebeden en verheerlijkt: die dooide Profeten gesproken heeft. En in eene heilige, Katholieke en Aposte-lijke Kerk. Ik beleid een doopsel tot vergiffenis der zonde. En ik verwacht de verrijzenis der dooden. En het leven der toekomstige wereld Amen.

P. De Heer zij met u.

D. En met uwen geest.

Laat ons bidden.

Ofperande.

Gedenk ons, Maagd, Moeder van God, wanneer Gij staat voor het


ocr page 235

DB n. MIS.

Domini, et loquaris aanschijn des Heeron, pro nobis bona, et ut door voor ons ton beste avertas indignationein te spreken, en Zijne suam a nobis. gramschap van ons af' te

keeren.

Als de krik ontdekt is, offert de Priester de Hostie aan den Hemelschen Vader.

233

Suscipe sancte Pator, omnipotens aeter-ne Deus, banc im-maculatam Hostiam, (|uam ego indignus famulus tuus offero tibi Deo meo vivo et vero, pro innumerabilibus jieccatis et offensioni-bus, et negligentiis meis, et ])ro omnibus circumstantibus, sed et pro omnibus fidcli-bus Christianis, vivis atque defunctis: xxt mihi, et illis proficiat ad salutem in vitam aeternam. Amen.

Ontvang, heilige Vader, almachtige, eeuwige God, deze onbevlekte Offerande, welke ik. Uw onwaardige dienaar, aan U, mijn levenden en waarachtigen God opdraag, voor mijne ontelbare zonden, beleedigin-gen en nalatigheden, en voor allen, die het Offer bijwonen, alsmede voor alle geloovige Christenen, zoo levenden als overledenen; opdat het mij en hun ten heil strekke voor het eeuwig leven. Amen.


Aru schenkt de Priester den wijn in den kelk met eenige druppelen water, dat hij zegent.

Deus, qui humanae God, die op bewondo-

substantiae dignita- renswaardige wijze de

tem mirabiliter con menschelijke waardig-

didisti, et mirabilius held geschapen en haar

ocr page 236

DB H. MIS.

nog bewonderenswaardiger hersteld hebt: laat ons door het mysterie van dit water en dezen wijn, deelachtig worden aan de Godheid van Hem, die Zich verwaardigd heeft deelgenoot te worden van onze nienschheid.Jezus-Chris-tus Uwe Zoon onze Heer: die met U leeft en heerscht God in de eenheid van den heiligen Geest: door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Priester den Kelk od op.

Wij offeren U, o Heer, den kelk des heils, terwijl wij Uwe goedertierenheid smeeken, dat hij voor het aanschijn Uwer Goddelijke Majesteit in zoeten geur opstijge voor het heil van ons en van geheel de wereld. Amen.

Voorover gebogen hidt de Priester :

In spiritu humilita- Mogen wij, nederig tis, et in animo con- van geest en vermorzeld

234

reformasti; da nobis per luij us aquae et vini mysterium, ejus divinitatis esse con-sortes, qui humanita-tis nostrae lieri digna-tus est particeps. Je,sus Christus Filius tuus Dominus noster : Qui tecum vivit et regnat in unitate Spiritus sancti Deus : per omnia saecula saeculo rum. Amen.

Hierna draagt de aan C

Offerimus tibi. Do-mine, Calicem saluta ris, tuam deprecantes clementiam : ut in con-spectu divinae majes-tatis tuae, pro nostra et totius mundi salute cum odore suavitatis ascendat. Amen.

ocr page 237

DE 11. MIS.

trito suscipiamur a te, van hart, door U, o Heer,

Doniine: et sic fiat worden aangenomen: en

sacrificium nostrum in laat heden ons offer voor

conspectu tuo hodie, ut Uw aanschijn zóó g'e-placeat tibi, Domine schieden, dat het U,

Deus. onzen Heer en God, moge behagen.

/ijne JuituUn naar amhoog uitstrekkende, vervolgt hij zijn gehed.

Veni, sanctiftcator Kom, heiligmaker, al-omnipotens neterne, machtige, eeuwige God :

Deus: et benedic hoc en zogen deze offerande,

sacrificium, tuo sanc- die wij voor Uwen naam

to nomini praepara- bereid hebben.

turn.

Bij de vingerwassching aan den epistelkant.

Psalm 25.

235

Lavabo inter inno-centes mantis mcas; et circumdabo al tare tuum, Domine.

Ut audiam vocem laudis: et enarrem universa mirabiiia tua.

Domine, dilexi de-corein domus tuae: et locum habitationis gloriae tuae.

Ne perdas cum im-

Onder de onschuldi-gen zal ik mijne handen wasschen : en verblijven bij Uw altaar, o Heer.

Om Uwe lofprijzing te hooren: en al Uwe wonderwerken te verhalen.

Heer, ik heb den luister van Uw huis bemind : en de plaats waar Uwe glorie inwoont.

Wil, Heer, mijne ziel


ocr page 238

DB H. MIS.

236

piis, Deus, animam meam: et cum viris sanguinum vitam meam.

In quorum manibus iniquitates sunt: dex-tera eorum repleta est muneribus.

Ego autem in inno-centia mea ingressus sum ; redime me, et miserere mei.

Pes meus stetit in directo : in ecclesiis benedieam te Domine.

Gloria Patri, et Fi-lio, et Spiritui sancto. Sicut erat in princi-pio, et nunc, et semper, et in saecula saeculorum. Amen.

Voor het midde

Suscipe sancta ïri-nitas hanc oblatio-nem, quam tibi offe-rimus ob memoriam passionis, resurrecti-onis, et ascensionis Jesu Christi Domini niet ten verderve voeren met de goddeloonen: noch mijn leven met de mannen des bloeds.

Wier handen vervuld zijn van ongerechtigheden ; wier rechterhand vol is met geschenken.

Ik echter heb den weg der onschuld bewandeld : verlos mij, en ontferm ü mijner.

Ik heb pal gestaan op den weg der gerechtigheid : in de vergaderingen zal ik IJ zegenen.

0 Heer.

Glorie zij den Vader en den Zoon en den Heiligen Geest. Gelijk het was in den beginne en nu en altijd en in de eeuwen dei eeuwen Amen.

1 Tan hei altaar.

Ontvang heilige Drievuldigheid deze Offerande, welke wij U opdragen ter gedachtenis van het lijden, de verrijzenis en hemelvaart van onzen Heer Jezus-Christus: en


ocr page 239

DE H. MIS.

237

nostri; et in honorem beatac Mariac semper Virginis, et beati Joannis Baptistae, et sanctorum Apostolo-rtim Petri et Pauli, et istorum, et omnium Sanctorum : ut illis proficiat ad honorem, nobis autem ad salu-tem ; et illi pro nobis intercedere dignen-tur in coelis, quorum memoriam agimus in terrls. Per eundum Christum Domimim nostrum. Amem.

Orate

S. Orate tratres: ut meum ac vestrum sa-crificium acceptabile fiat apud Denvn Pa-trem omnipotentem.

M. Suscipiat Domi-nus sacriflcium de ma-nibus tuis ad laudem, et gloriam nominis sui, ad utilitatem quo-que noscram, totiusque Ecclesiae suae sanctae.

S. Amen.

ter eere der gelukzalige Maria, altijd Maagd en van den heiligen Joannes den Dooper, en van de heilige Apostelen Petrus en Paulus, en van deze en alle Heiligen; opdat zij hun tot glorie strekke, ons echter ten heil: en zij, wier gedachtenis wij op aarde vieren, zich gewaardigen onze voorspraak te zijn in den hemel. Door denzelfden Christus onzen Heer. Amen.

fratres.

P. Bidt broeders ; opdat mijne en uwe oft'e-rande aangenaam worde voor God, den almach tigen Vader.

D, De Heer neme het offer uit uwe handen aan tot lof en glorie van Zijnen naam, alsmede tot ons welzijn en dat Zijner geheele heilige Kerk.

P, Amen.


ocr page 240

DB H. MIS.

238

Secreta.

Offorimus tibi pre-ces et hostias, Doini-ne Jesu Cliriste, hu-militer supplicantcs: ut, qui transfixioneu clulcissimi spiritus be-atae Mariae matris tuae precibus recense-inus; suae, suorumque sub cruce sanctoroni consortiuui inultipli-cato piissimo iuterven-tu, meritis mortis tuae meritum eum beatis lial)eamus. Qui vivis et regnas cuin Deo Patre in unitate Spiritus sancti, Deus.

Wij bieden U, Heer Jezus Christus, onze gebeden eu offers aan, nederig smeekende: dat wij, die in onze gebeden de Doorsteking van de teederste ziel der heilige Maria, Uwe Moeder, gedenken ; door de veelvuldige en allerwelwillendste voorspraak van Haar en van hare deel-genooten onder hetKruis, om de verdiensten van haren dood, het loon met de Gelukzaligen deelachtig worden. Gij, die met God den Vader, in de eenheid van den H. Geest, God, leeft en regeert.


Praefatie.

S. Per omnia saecu-la saeculorum. M. Amen.

S. Dominus vobis-cum.

M. Et cum spiritu tuo. S. Sursum corda.

P. Door alle eeuwen der eeuwen.

D. Amen.

P. De Heer zij met u

D. En mat uwen geest. P. De harten omhoog.


ocr page 241

D® H. MIS.

M. Habemus ad Do-minum.

S. Gratias agamus Domino Deo nostro.

M. Digirum et jus-tuin est.

S. Vere dignum et justum est, aequum et salutare, nos tibi semper, et ubique gratias agere: Domi-ne sancte, Pater om-mpotens,aeterne Deus. Et te in Transfixione beatae Mariae semper Virginis collaudare, henedicero et piaedi-care. Quae et Unigeni-tuni tuum sancti Spiritus obumbratione concepit: et virginita-tis gloria permanente, lumen aeternurn mun-do effudit.Jesum Christum Dominum nostrum. Per quein ma-jestatem tuam laudant Angeli, adorant Domi-nationes, tremunt Po-testates, Coeli, coelo-rumque Virtutes, ac beata Seraphim, socia

D. Wij heffen ze tot den Heer.

P. Laten wij den Heer, onzen God, dank zeggen.

D. Dat is billijk en rechtvaardig.

P. Wel billijk en rechtvaardig, plichtmatig en heilzaam is het, dat wij U altijd en overal dankzeggen : (U, onze) heilige Heer, almachtige Vader en eeuwige God. En dat wij U, op het feest der Doorsteking van de Heilige Maria, mede verheerlijken, zegenen en prijzen. Zij, die ook door de over-schaduwing van den heiligen Geest Uwen Eeniggeborene heeft ontvangen : en, met behoud van de glorie der maagdelijkheid, het eeuwig licht aan de wereld heeft geschonken, Jezus-Christus onzen Heer. Door Wien de Engelen Uwe Majesteit loven, terwijl de Heerschappijen Haar aanbidden en


ocr page 242

DB H. MIS.

240

exsultatione concelebrant. Cum quibus et nostras voces, ut ad-mitti jubeas, depreca-mur, supplici coufes-sione dicentes.

de Machten Haar vol ontzag huldigen. Door Wien de Hemelen en de Krachten der hemelen met het zalig koor der Serafijnen eenparig juichende Uwen lofver-kondigen. Duld, bidden wij, dat wij niet hen onze stemmen verceni-gen, om smeekend te belijden ■


De „Sanctnsquot;.

Sauctus, Sanctus, Sanctus Doniinus Deus Sabaoth. Pleni sunt coeli, et terra gloria tua. Hosanna in excel-sis. Benedictus qui venit in nomine Do-mini. Hosanna in ex-celsis.

De

Te igilur clemen-tissime Pater, per Je-sum Christum Filium tuum Dominum nos-trem, supplices roga-mus, ac petimus, uti accepta habeas, et be-

Heilig, Heilig, Heilig is de Heer God der Heerscharen. De hemelen en de aarde zijn vervuld van Uwe glorie. Glorie aan God in den hooge. Gezegend, die komt in den naam des Hoeren. Glorie aan God in den hooge.

Canon.

Wij bidden en smee-ken U derhalve ootmoedig, allergoedertierend-ste Vader, door Jezus-Christus Uwen Zoon, onzen Heer, dat Gij ge-lielt te aanvaarden en


ocr page 243

241

-■-/ ■ Mk

■

DB n. MIS.

nedicas haec dona, haec mnnera, haec sancta Baerittcia illiba-ta : in priniis, quae tibi offerimus pro Ecclesia tua sancta catholica: quam pacificarc, custo-dire, adunare, ct re-g-ere digneris toto orbe terrarum : una cum t'ainulo tuo Papa nos-tro N. et Antistite nostro N. et omnibus orthodoxis, atque ca-tholicae, et Apostolicae iidei cultoribus.

te zegenen deze gaven, deze geschenken en deze heilige onbevlekte offeranden, welke wij U allereerst opdragen voor Uwe heilige Katholieke Kerk, opdat Gij U ge-waardigt haar den vrede te schenken, te bewaren, voor scheuring te behoeden en te besturen over de gansche aarde, tegelijk met Uwen dienaar, onzen Paiis N. en onzen Bisschop N. en alle rechtgeloovigen, met de belijders van het katholieke en Apostolische geloof.


De gedachtenis der levenden.

Memento, Domine, famulorum, famula-rumque tuarum N. et N .... et omnium cir-cumstantium, quorum tibi fides cognita est, ol nota devotie: pro quibus tibi offerimus, vel qui tibi offerunt hoe sacrificium laudis pro se, suisque omni-' bus; pro redemptione

Wees, Heer, indachtig uwe dienaren en dienaressen N. en N ... en alle aanwezigen, wier geloof en godsvrucht U bekend zijn, voor wie wij U offeren, of die U dit offer van lof opdragen, voor zich en al de hunnen, in de hoop van hun heil en behoud : en die aan U, den eouwi-


16

ocr page 244

Dm H. MIS.

animarum suarum, pro gen, levenden en waren qj

spe salutis, et incolu- God hunne wenschen m

mitatis suae : tibique aanbieden.

reddunt votasua aeter-no Deo, vivo, et vero.

Communicantes.

Communieantes, et In vereeniging' met 01

memoriam veneran- Uwe dienaren, vieren tr

tes, in primis glorio- wij allereerst de gedach- fa

sae semper Virginis tenis van de glorievolle, sv

Mariae genitricis Dei altijd Maagd geblevene pi

et Domini nostri Jesu Maria, moeder van God di

Christi: sed et bea- en van onzen Heer Je- tv

torum Apostolorum zus-Christus. alsmede al

ac Marty rum tuorum, van Uwe gelukzalige n

Petri et Pauli, An- Apostelen en Martelaren, ei

dreae, Jacobi, Joan- Petrus en Paulus, Andre- n

nis, Thomae, Jacobi, as,Jacobus,Joannes. ïho- n

Philippi, Bartholomsei, mas. Jacobus, Philippus, E

Matthei, Simonis et Bartholomeus, Mattheus, A

Thaddei: Lini, Cleti, Simon en Thaddeus: van

Clementis, Xysti, Cor- Linus, Cletus, Clemens, ti

nelii, Cypriani, Lau- Xystus, Cornelius, Cy- q

rentii, Chrysogoni, prianus, Laurentine, ti

Joannis et Pauli, Cos- Chrysogonus, Joannes ti

inae et Damiani: et en Paulus, Cosmas en a

omnium Sanctorum; Damianus, envanalUwe r

quorum meritis, pre- Heiligen ; door wier ver- C

cibusque concedas, dienste en voorbede Gij f

ut in omnibus protec- ons in alles door de hulp t

tionis tuae muniamur Uwer bescherming ge- J

auxilio. Per eundem Heft te versterken. Door

242

ocr page 245

DB H. MIS.

:n Chrislum Dominum denzelfden Christus

n nostrum. Amen. onzen Heer. Amen.

De Priester houdt zijne /landen over de offeranden uitgestrekt,

Hanc igitur oblati- Derhalve bidden wij 3t onem servitutis nos- U, o Heer, dat Gij deze n trae, sed et cunccae offerande van Uwe die-i- familiae tuae, quae- naren en van geheel e, sunrns Domine, ut Uwe Kerk in genade ie placatus accipias: wilt aannemen: onze d dicsque nostros in dagen in Uwen vrede 3- tua pace disponas, bewaren, ons van dele atque ab aeterna dam- eeuwige verwerping be-:e natione nos eripi, vrijden en ons plaatsen i, et in electorum tuo- wilt onder de kudde 5- rum jnbeas grege nu- Uwer uitverkorenen. )- merari. Per Christum Door Christus onzen s, Dominum nostrum. Heer. Amen. s, Amen.

n Quam oblationem Wij bidden U, o God,

s, tu Deus in omnibus, zorg te dragen, dat deze

r- quaesumus, benedio offerande onder alle op

e, tam, adscriptam, ra- zichten gezegend, aan-

is tam, rationabilein, genomen, goedgekeurd,

n acceptabilemque face- redelijk en welgevallig'

e re dig'neris : ut nobis zij : opdat zij voor ons

•• Corpus et Sanguis worde het Lichaam en

ij fiat dilectissimi Filii het Bloed van Uwen ge-

p tui Domini nostri liefden Zoon, onzen Heer

!- Jesu Christi. Jezus-Christus.

r

243

ocr page 246

db h. mts.

244

De H C

Qui pridie quam pa-teretur, accepit pa-nem in sanctas, ac venerabiles inaniis suas, ct elevatis ocu-lis in coelum ad te Deum Patrem suum omnipotentem, tibi gratias agens, bene-dixit, fregit, deditquo discipulis suis, di-cens: Accipite et manducate ex hoe onnes.

Hoc est bnim Corpus mbum.

Simili mode post-qu.im coenatum est, accipiens et hunc praeclarum Calicem in sanctas, ac vene rabiles manus suas: item tibi gratias agens, benedixit, de-ditque discipulis suis, dicens: Accipite, et bibite ex eo omnes. HlC EST BNIM CAUX SANfiUINlS MEI, NOVI ET AETBRNI TESTA-MENTI : MYSTERIUM

Die op den vooravond van Zijn lijden het brood in Zijne heilige en eerbiedwaardige handen nam. en de oogen ten hemel heffend, naar U, o God, Zijnen almachti-gen Vader, U dankzeggende, het zegende, brak, en aan Zijne Leerlingen gat, zeggende: Neemt en eet allen hiervan:

Dit toch is Mijn Lichaam.

Insgelijks, nadat Hij het avondmaal genomen had, nam Hij dezen voor-treffelijken Kelk in Zijne heilige en eerbiedwaardige handen : en U op gelijke wijze dankzeggend, zegende Hij dien, en gaf hem aan Zijne Leerlingen zeggende: Neemt

en drinkt allen hieruit. Dit toch is de Kelk van Mijn Bloed,

VAN HET NIBUW BN EEUWIG VERBOND : (GE-


ocr page 247

245

F1DBI : QUI PRO vonis BT PRO MULTIS EFFUN-DBTUR IN REMISSIO-NBM I'ECCATORUiM.

Hace quotiesciini-que feceritis, in mei memoriam facietis.

Unde et memores, Doinine, nos servi tui, .sefl et plebs tua sancta, ejusdem Cliristi Filii tui Domini nostri tarn beatae passiouis, nee non et ab inferis, resur-rectionis, sed et in coe-los gloriosae ascensio-nis: offerimu.s prae-clarae majestati tuae de tuis donis ae datis, hostiam puram, hos-tiam sanctam, hostiam immaeulatam ; Panein sanctum vitae aeter-nae, et Calicem salutis perpetuae.

Supra quae propi-tio ac sereno vultu respieere digneris: et aceepta habere sicuti accepta habere digna-

IIBIM DBS GELOOFS) DAT VOOR U BN VOOR VEI,EN ZAL VERGOTEN WORDEN TOT VERGIFFENIS DER ZONDEN.

Zoo dikwijls gij dit doen zult, doet liet te Mijner gedachtenis.

Daarom onk, o Heer, bieden wij. Uwe dienaren, alsmede Uw heilig volk, ter gedachtenis van het zoo gelukzalig lijden van dienzelfden Chris tus, Uwen Zoon, onzen Heer, alsmede Zijne verrijzenis uit het graf en van Zijne glorievolle hemelvaart, aan Uwe nooitvolprezene Majesteit van Uwe giften en gaven,de zuivere Hostie, de heilige Hostie, de onbevlekte Hostie : het heilig Brood van het eeuwig leven, en den Kelk van het altoosdu-rend heil.

Moge het U, o Heer, behagen, een genadigen en weiwillenden blik te slaan op deze Offeranden: en ze welgevallig te aan-


ocr page 248

DB ir. MIS.

246

tus es munera piteri tui justi Abel, et Sci-crificium Patriarchae nostri Abrahae: et quort tibi obUilit sum-mus saeerdos Uius Melchisedech, sanctum sacriflcium, im-maculatam hostiam.

Supplices te i-og-a-mus, omnipotens Deus: jube haec per-lerri per manus sancti Angeli tui in sublime altare tuum, in con-spectu divinae majes-tatis tuac: Ut quotquot, ex hac altaris parti-cipatione sacrosauc-tum Filii tui, Corpus et Sanguinem sump-serinms, omni bene-dictione coelesti et gratia repleamur. Per eundem Christum Do-minum nostrum Amen.

De Gedachtenis

Memento ctiam, Domine, famulorum vaarden, gelijk Gij de geschenken van Uwen dienaar, den rechtvaardigen Abel. voor lief genomen hebt, en het offer van onzen Patriarch Abraham; alsmede de heilige offerande en het onbevlekte offer, dat Uw hoogepriester Melchisedech IJ heel'topgedragen.

Dringend smeeken wij U, almachtige God: laat deze gaven door de han den van Uwen heiligen Engel naar Uw verheven altaar gedragen worden, voor het aanschijn Uwer Goddelijke Majesteit: opdat wij allen, door de deelname aan dit altaar, na jhet ontvangen van het allerheiligste Lichaam en Bloed van Uwen Zoon, met alle hemelsche zegening en genade vervuld worden, üoor Christus onzen Heer. Amen.

der Overledenen.

Wees ook, o Heer, Uwe dienaren cn die-


ocr page 249

o-w»' v • Ju -f' ■WW «A'

DB H. MIS. 247

le famularumque tua naressen N. N, ^edach-

■n rum N. et N. qui nos tig, die ons met het tee-

r- praecesserunt cum ken des geloofs zijn voor-

ef signo fidei, et dormi- gegaan en in den slpap

et unt in somno pacis, des vredes rusten. Wij

;h Ipsis, Domine, et om- bidden U, Heer, verleen

le nibus in Christo quies- hun, en allen, die in

et ceutibus, locum refri- Christus rusten, te mo-

w gerii. lucis et pacis, gen ingaan tot de plaats

e- ut indulgeas, depre- van verkwikking, licht

n. camur. Per eundem en vrede. Door denzelf-

dj Christum Dominum den Christus onzen Heer.

at nostrum. Amen. Amen.

n Nobis quoque pecca- Wil ook ons zondaren,

;n toribus famulis tuis, de Uwe dienaren, die op de

jn multitudine miseratio- menigvuldigheid Uwer

n, num tuarum speranti- ontfermingen hopen,

er bus, partem aliquam eenig deel en gemeen-

t: et societatem donare schap geven, met Uwe

ie digneris, cum tuis sanc- heilige Apostelen en Mar-

,r, tis Apostolis et Marty- telaren: met Joannes,

in ribus: cum Joanne, Stephanus, Mathias, Bar-

,i- Stephano, Mathia, Bar- nabas, Ignatius, Alexan-

m naba, Ignatio. Alexan- der, Marcellinus, Petrus,

le dro. Marcellino, Petro, Felicitas, Perpetua, Aga-

gt;n Felicitate. Perpetua, tha, Lucia, Agnes, Cae-

n. Agatha, Lucia, Agne- cilia, Anastasia, en al

»n te, Caecilia, Anastasia, Uwe Heiligen, in wier

et omnibus Sanctis gezelschap Gij ons, bid-

tuis: intra quorum den wij, gelieft toe te

nos consortium, non laten, zonder te letten

aestimator meriti, sed op onze verdiensten,

,r' veniae, quaesumus, maar om den schat Uwer

ocr page 250

DE H. MTS.

largitor admitte. Per barmhartigheid. Door d

Christum Dominum Chrisius onzen Heer. n

nostrum. r

Per quem haec om- Door Wien Gij, o Heer, ii

nia, Domine, semper altijd het goede voort- i]

bona creas, sanetificas, brengt, heiligt, levend a

viviticas, benedicis, et maakt, zegent en aan

praestas nobis. ons verstrekt. 11

Per ipsum, et cum Door Hem, en met t

ipso, et in ipso, est Hem, en in Hem zij U |

tibi Deo Patri omni- God, den almachtigen r

potenti, in imitate Spi- Vader, indeeenlieid van Ij

ritus sancti, omnis ho- den heiligen Geest, alle p

nor, et gloria. eer en glorie. t

Per omnia saecula Door alle eeuwen der t

saeculorum. Amen. eeuwen. Amen. I

Oremus : Praeceptis Laat ons bidden : Door c

salutaribus moniti, et heilzame voorschriften p

divina institutione tbr vermaand, en door god- l

mati, audemus dicere. delijke lessen geleerd, t:

durven wij zeggen. j

s

De Pater Noster. c

c

Pater noster, qui es Onze Vader, die inde i

in coelis : Sanctiflcetur hemelen zij t; Geheiligd (

nomem tuum: Adve- zij Uw naam: Laat toe (.

niat regnum tuum: komen Uw rijk: Uw wil r

Fiat voluntas tua, sicut geschiede op aarde als i

in coelo, et in terra : in den hemel: Geef ons c

Panem nostrum quoti- heden ons dagelijksch 1

dianum da nobis ho- brood: En vergeet ons

die: Et dimitte nobis onze schulden, gelijk ook

248

ocr page 251

DK H. MIS.

debita nostra, sicut et nos di mittimus debito-ribus uostris. Et ue nos inducas in tentatio-nem. Sed libera nos a malo. Amen.

Libera nos quaesu-mus Domine, ab omnibus malis, praeteritis, praesentibus, et futu-ris: et intercedente beata et gloriosa semper Virgine Dei geni-trice Maria, cum beatis Apostolis tuis Petro et Paulo, atque Andrea, et omnibus Sanctis, da propitius pacem in diebus nostris: ut opc misericordiae tuae ad juti, et a peccato simus semper liberi, et ab omni perturbatione se-curi. Per eundem Do minum nostrum Jesum Christum Filium tuum. Qui tecum vivit et regnat in imitate Spiritus sancti Deus. Per omnia saecula saecu-lorum. Amen.

wij vergeven onzen schuldenaren: En leid ons niet in bekoring. Maar verlos ons van den kwade. Amen.

Bevrijd ons, bidden wij U, o Heer, van alle verleden, tegenwoordig en toekomstig kwaad; en verleen ons door de voorspraak der gelukzalige, glorievolle en altijd Maagd geblevene Moeder Gods Maria, en van Uwe heilige Apostelen Petrus en Paulus, Andreas en alle Heiligen genadiglij k vrede in onze dagen; opdat wij, geholpen door den bijstand Uwer barmhartigheid, altijd van zonden bevrijd en tegen elke verwarring beveiligd i mogen zijn. Door denzeltden Jezus-Chrisius Uwen Zoon, onzen Heer. Die als God met U leeft en heerscht in de eenheid van den Heiligen Geest. Door alle eeuwen der eeuwen. Amen.


r TTTMiTrm

BSC

ocr page 252

DB H. MIS.

250

Pax Domini sit semper vobistum.

Et cum spiritu tuo.

De vrede des Heeren zij aliijd met u. En met uwen quot;'eest.


De Priester doet een gedeelte der H. Hostie in den Kelk, om, volgens de verklaring van den //, Thomas, de Verrijzenis des Heeren te beteekenen.

Haec commixtio, et consecratio Corporis et Sanguinis Domini nos-tri Jesu Christri, fiat accipientibus nobis in vitam aeternam.Amen.

Agnus Dei, qui tollis peccata muudi, miserere nobis.

Agnus Dei, qui tollis peecata mundi, miserere nobis.

Ag-nus Dei, qni tollis peceata mundi, dona nobis pacem.

Moge deze geconsacreerde vermenging van het Lichaam en het Bloed van onzen Heer Jezus-Christus voor ons die Haar omvangen, strekken ten eeuwigen leven. Amen,

Lam Gods, dat wegneemt de zonden dei-wereld, ontferm U onzer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U onzer.

Lam Gods, dat wegneemt de zouden der wereld, verleen ons vrede.


Gebeden voor de Nuttiging.

Domine Jesu Chris-te, qui dixisti Aposto-lis tuis: Pacem relin-quo vobis,pacem meam do vobis : ne respicias

Heer, Jezus-Christus, die tot Uwe Apostelen gezegd hebt; Ik laat u den vrede. Ik geef u Mijnen vrede : geef geen


ocr page 253

DK II. MIS.

251

peccata mea, sed fidem Ecclesiae tuae eamque hecundiuu vohintatem tuam pacificare et eoa-dunare digneris ; qui vivis et regnas Deus, per omnia saecula sae-culorum. Amen.

Domine Jesu Chris-te, Füii Dei vivi, qui ex volumtate Patris, cooperante Spiritu sancto, per mortem tuam mundum vifi-casti: libera me per hoe sacrosanctum corpus et sanguinem tuurn ab omnibus ini-quitatibus meis, ei universis malis: et fac me tuis semper inhaerere maudatis, et a te munquani se-parari permittas : qui cum eodem Deo Pa-tre, et Spiritu sancto vivis et regnas Deus in saecula saeculorum. Amen.

Perceptio Corporis tui Domine Jesu Christe, quod ego in-acht op mijne zonden, maar op het geloof van Uwe Kerk ; en verleen haar dien vrede en die eenheid, welke Gij voor haar verlangt: Gij, die als God leeft en heerscht, door alle eeuwen dei-eeuwen. Amen.

Heer, Jezus-Christus, Zoon van den levenden God, die volgens den wil des Vaders, met medewerking' van den H. Geest, de wereld door Uwen dood hebt levend gemaakt; bevrijd mij door Uw allerheiligst Lichaam en Bloed van al mijne ongerechtigheden, en van alle kwaad; en laat mij Uwe geboden altijd onderhouden en nooit van U gescheiden worden : Gij. die als God met dienzelfden God den Vader en den H. Geest leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Heer, Jezus-Christus, laat de deelname aan Uw Lichaam, hetwelk ik,


ocr page 254

DK ir. MIS.

252

dig-nus sumere prae-sumo, non mihi pro-veniat in judicium et condemnationem : sed pro tua pietate prosit mihi ad tutanien-tum mentis et corporis, et ad medelam percipiendam: qui vivis et regnas cum Deo P.itrc in unitate Spiritus sancti Deus, per omnia saeeuln saecuioruin. Amen.

onwaardige, durf ontvangen, niet strekken lot mijn oordeel en verwerping : maar laat Het in uwe goedertierenheid mij gedijen tot behoud van ziel en lichaam alsmede tot geneesmiddel: Gij die als God leeft en heerscht met God den Vader in de eenheid van drn heiligen Geetit, door alle eeuwen der eeuwen. Amen.


Au neemt Je Priester de II. Hostie in zijne linkerhitnd.

Panem coelestem Ik zal het hemelsch accipiam et nomen Brood nemen, en don Domini invocabo. naam des Heeren inroe

pen.

Met zijne rechterhund klopt de Priester driemalen op zijne horst, letheus hetzelfde gebed herhalend.

Domine, non sum Heer. ik ben niet waar-dignus ut intres sub dig dat Gij komt onder tectum nieum : sed mijn dak : maar spreek tantum die verbo, et slechts èen woord, en sanabitur anima mea. mijne ziel zal gezond worden.

Bij het nuttigen der H. Hostie.

Corpus Domini nos- Het Lichaam van

ocr page 255

DB n. MIS.

tri Jesu Christi ons- onzen Heer Jezus Cliris-

todiat animam meam tus beware mijne ziel

in vitam aeternam ten eeuwigen leven.

Amen. Amen.

Ouder het zuiveren van de patena.

Quid retribuam Domino pro omnibus, quae retribuit mihi? Calicem salutaris acci-piam, et nomen Do-mini invoeabo. L;iu-dans invoeabo, Domi-num, et ab inimicis meis salvus ero.

Wat zal ik den Heer wedergeven voor alles, wat Hij mij heett geschonken ? Ik zal den Kelk des heils nemen en den naam des Heeren inroepen. Lofzingende zal ik den Heer aanroepen, en van mijne vijanden zal ik bevrijd worden.

Bij het nuttigen van den H Kelk.

Sanguis Domini nos- Het Bloed van onzen

tri Jesu Christi custo- Heer Jezus-Christus be-

diat animam meam in ware mijne ziel ten

vitamaeternam.Amen. eeuwigen leven. Amen.

Na de Nuttiging.

253

Quod ore sumpsi-nms, Domino,, pura mente capiamus : et de de munere temporali fiat nobis remedram sempiternum.

Laat ons Heer, in een zuiver hart bewaren, wat wij met onzen mond hebben ontvangen; en dat deze Gave van den tijd ons strekke tot een geneesmiddel voor de eeuwigheid.


ocr page 256

de h. mis.

254

Onder het zuiveren van den Kelk.

Corpus tuum, Domi-ne, quod sumpsi ct Sanguis, quem potavi, adhaereat visceribus meis, et praesta: ut in me non remaneat scelerum maculaquem pura et sancta refece-rant sacramenta : Qui vivis et regnas in saecu-la saeculorum, Amen

Moge, o Heer, üw Lichaam, dat ik genuttigd, en Uw Bloed, dat ik gedronken heb, blijvend zijn in\'mijn- hart: en laat geen smet der zonde in mij blijven, die door de zuivere en heilige sacramenten vernieuwd ben: Gij,die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. Amen.


Communie.

Felices sensus bea-tae Mariae Virginis, qui sine inorte merue.runt martyrii palmam sub cruce Domine.

Gelukkige. heilige Maagd Maria, die zonder te sterven onder het Kruis des Heeren den palm van het martelaarschap verdiend hebt.

De Heer zij met u.

En met uwen geest.

Dominus vobiscum.

Et cum spiritu tuo.

Gebed na de Communie.

Oremus. Laat ons bidden.


Sacrificia, quae sumpsimus, Domine Jesu Christe, Trans-flxionem Matris tuae etVirginis devote cele-brantes; nobis impe-

Moge, Heer Jezus-Christus, de offers, die wij genuttigd hebben, in de godsdienstige gedachtenisviering der Door-steking Uwer maagde-


ocr page 257

DB TT. MTS.

255

trent aqud cleinentiam tuam omnis boni salu-taris effectum. Qui vivis et regnas cum Deo Patre in unitate spiritus sancti Deus. Per omnia saecula sae-culorum. Amen.

Dominus vobiscum. Et cmn spiritu mo. Ite missa est.

Deo gratias.

lijke Moeder, ons de heilzame uitwerking van alle goed verwerven bij Uwe goedertierenheid. Gij, die als God leeft en heerscht met God den Vader in de eenheid van den heiligen Geest. Door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

De Heer zij met u.

En met uwen geest.

Gaat, de Mis is opgedragen.

God zij gedankt.


Vóór den zegen.

Placeat tibi, sancta Trinitas, obsequium servitutis meae. et praesta: ut sacrificium, quod oculis tuae majes-tatis indignus obtuli, tibi sit acceptable, mi-hique et omnibus, pro quibus illud obtuli, sit, te miserante, propi-tiabile. Per Christum Dominum nostrum Amen.

Laat, heilige Drievuldigheid, de tol mijner afhankelijkheid U welgevallig zijn. en moge het offer, dat ik, onwaardige, voor het aanschijn Uwer Majesteit heb opgedragen, U aangenaam zijn, en voor mij en voor allen, voor wie ik het gebracht heb van Uwe barmhartigheid verzoening verwerven. Door Christus onzen s'ileer Amen.


ocr page 258

DB TT. MTS.

Bij den zegen.

Benedicat vos om- U zegcne de Almo-

nipotens Deus, Pater, gendc God, do Vader,

et Filius, et spiritus de Zoon, en de Heilige

sanctus. Geest.

Amen. Amen.

Het laatste Evangelie.

256

Dominus vobiscTim.

Et cnm spiritu tuo.

Initium sancti Evan-gelii secundum Joan-nem. C. 1.

Gloria tibi Domino.

In prineipio erat Verbum, et Verbum erat apud Deum, et Deus erat Verbum. Hoc erat in prineipio apud Deum. Omnia per ipsum facta sunt: et sine ipso factum est nihil, quod factum est: in ipso vita erat, et vita erat lux liomi-num: et lux in tene-bris lucet, et tenebrae cam non coinprchen-derunt. Fuit homo missus a Deo, cui no-men erat Joannes. Hie venit in testimonium, ut testimonium

De Heer zij met u.

En met uwen geest.

Begin van het heilig Evangelie volgens Joannes. Hst. 1.

Glorie zij IJ, o Heer.

In den beginne was liet Woord, en het Woord was bij God, en het Woord was God. Dit was in den beginne bij God. Door Hem is alles gemaakt: en zonder Hem is er niets gemaakt van hetgeen er gemaakt is: in Hem was het leven, en het leven was het licht der menschen: en het licht scheen in de duisternissen. en de duisternissen hebben het niet begrepen. Er werd een mensch van God gezonden, wiens naam was Joannes. Deze kwam tot


ocr page 259

DB H. MIS.

257

perhiberet de lumiiie, at omnes crederent per ilium. Non erat ille lux, sed ut tes timonium perhiberet de lumine. Erat lux vera, quae illuminat omnem hominem ve-nientem in hunc mun-dum. In mundo erat, et mundus per ipsum factus est, et mundus eum non cognovit. In propria venit, et sui eum non receperunt. Quotquot autem receperunt eum, dedit els potestaten! filios Dei fieri, his, qui credunt in nomine ejus; qui non ex sanguinibus, neque ex voluntate carnis, neque ex voluntate viri, sed ex Deo nati .sunt. Et Verbum caro factum est, et habitavit in nobis: et vidimus gloriam ejus, gloriam quasi Unigeniti a Patre, plenum gratiae et veritatis.

getuigenis, om getuigenis te geven van het licht, opdat allen door hem zouden gelooven. Hij was het licht niet, maar hij was gekomen om getuigenis te geven van het licht. Er was een waar licht, dat eiken mensch verlicht, die in deze wereld komt. Hij was in de wereld en de wereld is door Hem ge maakt, en de wereld heeft Hem niet gekend. Hij kwam tot Zijn erfdeel maar de Zijnen hebben Hom niet aangenomen. Maar allen, die Hem aangenomen hebben, heeft Hij de macht gegeven kinderen Gods te worden, allen, die gelooven in Zijnen naam, en noch uit het bloed, noch uit den wil des vleesches, noch uit den wil des mans,.maar uit God geboren zijn. En het Woord is vleesch geworden, en Het heeft onder ons gewoond: en wij hebben Zijne


17

ocr page 260

DB H. MIS.

258

heerlijkheid gezien, eene glorie als van den Eenig-gebOiGne des Vaders, vol van genade en waarheid.

God zij gedankt.

Deo gratias.

ocr page 261

■ -■ •gt;*/

DE LITANIE

van Onze Lieve Vrotiw der Zeven Smarten.

U

td

Si lt;

o

O

Heer, outlerm U onzer.

Christus, ontferm ü onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, heinelsche Vader, ontferm U onzer.

God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer.

God, heilige Geest, ontferm U onzer.

Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm onzer.

Moeder van Smarten, bid voor ons.

Die in de herbergen geen plaats hebt gevonden.

Die uwen intrek in eenen stal moest nemen,

Die uwen eerstgeborene in eene kribbe gelegd hebt,

Die de besnijdenis van^uwen Zoon met me delijden aanschouwd 'hebt.

Die vernomen hebt dat uw Zoon tot een teeken van tegenspraak gesteld was.

Die, vernomen hebt, dat uwe ziel door een zwaard moest doorstoken worden.

ocr page 262

DB r.TTANira VAN ONZE TjIBVR

Die met uwen Zoon naar Euyptc^vluchten

moest, bid voor ons.

Die over den dood der Onnoozele Kinderen

getreurd hebt,

Die uwen twaalfjarigen Zoon, in den tempel achtergebleven, met droefheid gezocht hebt, Die den voortdurenden haat der Jodenttegen

uwen Zoon ondervonden hebt,

Die op den dag van het laatste Avondmaal, van uwen Zoon, die naar Jeruzalem opging, een hartverscheurend afscheid genomen hebt.

Die het verraad van Judas en de uitlevering-

van uwen Zoon gekend hebt, c

Die gezien hebt, dat uw Zoon als een boos- ? wicht aan de oversten der priesters word , overgeleverd, r?

Die de valsche beschuldigingen tegen uwen ' Zoon gehoord hebt, ;

Die het gezegende aanschijn van uwen Zoon 5 door dien wrceden kaakslag misvormd zaagt.

Die vernomen hebt, dat uw Zoon door do Joden en krijgsknechten wreed mishandeld werd.

Die vernomen hebt, dat uw Zoon achter

Barabbas gesteld werd.

Die getuige waart van de geeseling en doornen-kroning van uwen Zoon,

Die het onrechtvaardige doodvonnis van

uwen Zoon vernomen hebt.

Die uwen Zoon met den last Zijns Kruises beladen ontmoet hebt,

260

ocr page 263

quot;rrifl

^3

261

VROUW DER ZEVEN SMARTEN.

m

Die gehoord hebt, dat de gezegende handen en voeten van uwen Zoon door verschrikkelijke nagelen doorboord werden, bid voor ons. Die de laatste woorden van uwen Zoon, aan

bet Kruis, opgevangen hebt.

Die uwen Zoon in Zijnen doodsstrijd bijgestaan hebt, p-i Die het ontzielde lichaam van uwen Zoon, 5; van het Kruis afgenomen, in uwen moe- ^ derschoot opgenomen hebt, § Die, na de begrafenis van uwen Zoon. ge- ~-heel bedroefd en bedrukt huiswaarts ge- g keerd zijt,

Koningin der Martelaren,

Spiegel der bedrukten.

Troosteres der zieken.

Sterkte der zwakken.

Toevlucht der zondaren.

Door het bitter lijden en sterven van uwen W Zoon, Koningin dor Martelaren, verlos ons. g Door de wreede smarten van uw hart, 3'

Door uwe groote droefheid en verlatenheid, Door uwe groote kwellingen.

Door uwe zuchten en tranen. oquot;

Door uw moederlijk medelijden,

Door uwe machtige voorspraak, 2

Van onmatige droefheid, 5,

Van wankelmoedigheid, ~

Van alle gelegenheden en gevaren der zonde, § Van de listen des duivels, 3.

Van verstoktheid des harten, ^

Van onboetvaardigheid, o

Van eenen haastigen en onvoorzienen dood, S

ocr page 264

be litanie van onze lieve

Van de eeuwige verwerping, Koningin der Martelaren, verlos ons.

Wij zondaren, wij bidden U, verhoor ons. Dat Gij ons, door uwe bescherming, in het 53 ware geloof, in de hoop en in de liefde ^ wilt bewaren, cr

Dat Gij ons van uwen Zoon, oprecht be- g; rouw en boete over onze zonden wilt ver- g werven,

Dat Gij dengenen, die U aanroepen, troost .H en hulp wilt verleenen, lt;1

Dat Gij ons in onzen doodstrijd wilt bijstaan, 2 Dat Gij voor ons een zalig uiteinde wilt af- ^ smeeken, g

Moeder Gods, 7

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, spaar ons Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, verhoor ons Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U onzer Heer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Onze Vader. Wees gegroet.

Q. In alle droefheid en kwelling.

A. Kom ons te hulp, allerheiligste Maagd Maria.

Laat ons bidden.

Wij bidden U, Heer Jezus Christus, laat nu

262

ocr page 265

VROUW DER ZEVEN SMAKTEN.

263

1

en in het uur van onzen dood, de allerzaligste Maagd Maria, Uwe Moeder, onze voorspraak wezen bij Uwe goedertierenheid. Zij, wier allerheiligste ziel, in het uur van Uw lijden, door het zwaard van droefheid doorboord werd. Gij, die als God leeft en heerscht met God den Vader in de eenheid van den H. Geest, door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

ii

ocr page 266

amp;£sxy%Sïamp;£szamp;kszcs^c^cv^

Het Scapnlier en de Kozenkrans van Onze Lieve Vrouw der Zeven Smarten.

Beide zijn afkomstig van de Orde der Ser-vieten of Dienaren der allerheiligste Maagd, goedgekeurd door Paus Innocentius IV. Zij volgden de regels van den H. Augustinus.

Het Scapnlier is het kleed, dat de H, Maagd zelf aan hare vrome dienaren toonde en beval te dragen ter gedachtenis van hare Smarten, Deze nu maakten kleinere Scapulieren voor de geloovigen, die zich op bijzondere wijze aan den dienst hunner Moeder wilden verbinden, en als blijk daarvan hare livrei wenschten te dragen.

Om den Rozenkrans, die uit zeven deelen bestaat, een „Onze Vaderquot; telkens met zeven maal het „Wees gegroetquot; en „Glorie zij den Vader,quot; enz, met vrucht te bidden, verwekt men eerst een vurig berouw over zijne zonden. Bij het begin van ieder deel overweegt men een oogenblik de verschillende Smarten, welke Maria achtereenvolgens verduurd heeft. Bij het eerste deel alzoo overdenkt men de profetie van Simeon.

ocr page 267

HET SCAPTTLIETl ENZ. 265

eu zoo verder. Ton slotte bidt men driemaal het „Wees gegroetquot; tor oero der tranen dooide Moeder van Smarten geschreid bij het leven en sterven van haar Goddelijk Kind.

ocr page 268

NOVENE

ter eere van Onze Lieve Vrouw der Zeven Smarten. *)

ATegen dagen bidt men de volgende gebeden :

V. Heor, geef acht om mij tc-, helpen.

A. Heer, haast IJ mij te helpen.

Glorie zij den Varter en den Zoon en den H. Geest. Gelijk het was in den beginne en nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen.

1. Ik neen deel in uwe droefheid, o bedrukte Maria, om de smart, die uw teeder hart verduurde bij het hooren der voorspelling- van den heiligen grijsaard Simeon. Dierbare Moeder, verwerf voor mij om de droefheid uws harten de deugd van nederigheid en de gave der heilige vreeze Gods.

Wees gegroet, enz.

2, Ik neem deel in uwen kommer, o diep bedroefde Maria, om de angsten welke uw zoo

Vrij naar het Italiaanscb.

ocr page 269

NOVENE TER EETtK VAN ENZ, 267

teergevoelig hart op uwe vlueht en gedurende uw verblijf in Egypte doorstaan heeft. Gelict-de Moeder, verwerf voor mij door uw zoo beangstigd hart de deugd van milddadigheid, bijzonder jegens de armen, en de gave van godsvrucht.

Wees gegroet, enz.

3. Ik neem deel in uwe pijnen, o diepbedroefde Maria, om de benauwdheid, welke uw bekommerd hart in het verlies van uwen welbeminden Jezus ondervonden hoeft. Bemin-nelijke Moeder, verwerf voor mij door uw zoo gefolterd hart de deugd der kuiechheid en de gave der wetenschap,

Wees gegroet, enz.

4. Ik neem doel in uwe rampen, o bedroefde Maria, om de verslagenheid, welke uw moederlijk hart gevoelde, toen Gij Uwen Jezus, met Zijn Kruis beladen ontmoet hebt. Geliefde Moeder, verwerf voor mij door uw minzaam en zoo wreed gefolterd hart de deugd van geduld en de gave der sterkte.

Wees gegroet, enz.

5. Ik neem deel in uwe smarten, o diepbedroefde Maria, om de marteling welke uw edelmoedig hart verduurde bij den doodsstrijd van Jezus. Dierbare Moeder, verwerf voor mij, door uw zoo gemarteld hart, de deugd der matigheid en de gave van raad.

Wees gegroet, enz.

ocr page 270

268 novene tbr ertte van enz.

6 Ik neem deel in uwe pijnen, o zeer bedroefde Maria, om de wonde, welke uw hart ontving, toen de scherpe lans Jezus' zijde en zeer beminnelijk hart doorboorde. Beminde Moeder, verwerf voor mij, door uw doorboord hart, do deugd der christelijke broederliefde en de gave van verstand.

Wees gegroet, enz.

7. Ik neem deel in uwe pijnen, o diepbedroefde Maria, om de felle smart, welke uw tee-derminnend hart ondervond bij de begrafenis van Jezus Dierbare Moeder! verwerf voor mij, door uw hart, gedrenkt in die zee van bitterheid, de deugd van ijver en de gave der wijsheid

Wees gegroet, enz.

V. Bid voor ons, allerbedruktste Maagd. A. Opdat wij der beloften van Christus waardig worden.

Laat ons hidden.

Wij bidden U, Heer Jezus Christus, laat nu en in het uur van onzen dood, de allerzaligste Maagd Maria, Uwe Moeder, onze voorspraak wezen bij Uwe goedertierenheid: Zij wier allerheiligste ziel in het uur van Uw lijden, door het zwaard van droefheid doorboord werd. Gij. die als Gad-leeft en heerscht met God den Vader in de eenheid van den H. Geest, door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

ocr page 271

DESTABAT MATER.

Stabat mater dolorosa Juxta Crucem lacry-inosa,

Dum pendebat Filius.

Cujus animam gemen-tem,

Contristatam et doleu-tom,

Pertransivit gladius.

O fiuam tristis et af-flicta

T'^uit illa benedicta, Mater Unigeniti !

Quae moerebat et do-lebat,

Pia mater, dum videbat

Nati poenas inclyti.

Quis est homo, qui non fleret,

Schreiend stond de Moeder van Smarten bi j het Kruis, waaraan haar Zoon was opgehangen.

Een zwaard ging door hare zuchtende, bedrukte en lijdende ziel.

O, hoe bedroefd en geheel verslagen was die gezegende Moeder van deu Eeniggeborene!

Hoe leed en weende de toegencgene Moeder, toen Zij het lijden van haren doorluchtigen Zoon aanschouwde.

Wie kan zijne tranen bedwingen, als hij, de


- —— -----

ocr page 272

270

Matrem Christi ei vi-

deret In tanto supplicio.

Quis non posset con-

tristari, Christi matrem con-

templari Dolentem cum Filio.

Pro peccatis suae

gentis Vidit Jesum in tor-

mentis. Et liagellis subditum.

Vidit suum dulcem natum

Moriendo desolatum, Dum emisit spiritum.

Eja mater fons amo ris,

Me sentire vim dolo-ris,

Fae, ut tecum lugeam.

Fac ut ardeat cor

meum In amando Christum Deum.

Ut sibi complaceam.

Moeder van Christus aan zulk een lijden ter prooi ziet?

Wie kan zonder medelijden Christus' Moeder aanschouwen, treurende met haren Zoon ?

Om de zonden van Zijn volk zag Zij Jezus overgegeven aan tormenten en geeselroeden.

Zij zag haren veelgeliefden Zoon verlaten sterven, toen Hij Zijnen geest gaf.

O Moeder, bron van liefde, laat mij de felheid uwer smart gevoelen, opdat ik met U schreie.

Laat mijn hart branden van liefde voor Christus, mijnen God, opdat ik Hem meer en meer behagen moge.


ocr page 273

DE STABAT MATER. 271

Saucta mater, istud ag-as,

Cruciflxi iige plagas Cordi meo valide.

Tui uati vulnerati, Tam dignati pro me pati,

Poenas mecum divide.

Fac me tecum pie fiere, Crucifixo condolere, Donec ego vixero.

Juxta Crucem tecum

stare, Et me tibi sociare In planctu desidero.

Virgo virginum prae-clara,

Mihi jam non sis

amara : Fac me tecum plan-gere.

Fac ut portem Christi

mortem, Passionis fac consor-tcm,

Et plagas recolere.

Wil, heilige Moeder, de wonden van den Gekruisigde diep in mijn hart prenten.

Laat mij deelen in do smarten van uwen doorboorden Zoon, die zooveel voor mij heeft willen lijden.

Geef, dat ik al de dagen mijns levens innig met U schreie en den Gekruisigde beweene.

Moge ik toch met U staan onder het Kruis, en deelen in uwe zuchten.

Verhevene Maagd der maagden, wil mijne smeekbede niet euvel duiden : „Laat mij met U schreien.quot;

Laat mij het Kruis van Christus dragen. Zijn lijden deelachtig worden en Zijne Wonden overwegen.


ocr page 274

272

Fac me plagis vulue-rari,

Fac me cruce inebriari, Et eruore Filii.

Flammis ne urar suc-

eoisus Per te, Virgo, sim

defensus In die judicii.

Christe, cum sit hiuc eiiro.

Da per matrem me

venire Ad palmam victoriae.

Quando corpus morie-tnr,

Fac ut anin.ae done-tur

Paradisi gloria. Amen

Laat mij gewond en geslagen worden, maak mij dronken door het Kruis en het :Bloed van uwen Zoon.

Laat de vlammen mij niet branden. maai Maagd, wees mijn beschermster in den oor-deelsdag.

Laat mij, Christus, alt ik van hier moet schei den, door Uw Moedei komen tot den palm dei overwinning.

Wanneer mijn lichaau sterft, laat dan mijne zie do glorie van het Para dijs deelachtig worden Amen.

DE STABAT MATER.


ocr page 275

, maak or hot led van

DE H. KRUISWEG. ')

Gebed ter Voorbereiding.

Ontvang, H. Drievuldigheid, dit offer mijner onderwerping, dat ik, in vereeniging met de verdiensten van onzen Heer Jezus Christus, van de allerzaligste Maagd en van alle Heiligen, tot glorie Uwer Goddelijke Majesteit en uit dankbaarheid voor onze verlossing, tot voldoening mijner zonden opdraag, alsmede om voor de overledenen rust, voor de levenden genade en voor allen de glorie te verwerven. (Jw Heilige Drievuldigheid zij lof, eer en glorie, door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

EERSTE STATIE.

Jezus wordt ter dood veroordeeld.

non mij maar ij ii been oor-

stus, als it schei-Moeder lalm dor

lichaam ijne ziel ot Para-worden.

Uiv Heiland aanvaardt bereidwillig dit onrechtvaardige vonnis, om 21 te bevrijden

*) Coeleste Falmetumi

18

ocr page 276

de h. kruisweg.

van Jtct vonnis der ccwivigc verwerping.

Ant. De goddeloozen spraken in de boosheid hunner gedachten : Laten wij den rechtvaardige omsingelen, want hij verzet zich tegen onze werken: hij geeft voor de Wijsheid Gods te bezitten, hij noemt zich den Zoon van God, laten wij zien of zijne woorden waar zijn. En zoo hij waarlijk de Zoon Gods is, dat Deze hem verlosse uit onze handen: laten wij hem tot den schandelijksten dood veroordeelen.

Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer. Onze Vader. Wees gegroet.

V. God heeft Zijn eigen Zoon niet gespaard. R. Maar Hem voor ons allen overgeleverd. V. Hij is geofferd, omdat Hij zelf het wilde. R. En Hij heeft Zijnen mond niet geopend. V. Heer, verhoor mijn gebed.

R. En mijn geroep kome tot U.

Laat ons bidden.

Heer Jezus Christus, die uit den schoot des Vaders van den hemel op aarde zijt nedergedaald, en die Uw kostbaar Bloed tot vergiffenis onzer zonden vergoten hebt: nederig bidden wij U, dat wij in den oordeelsdag, aan Uwe rechterhand geplaatst, mogen hooren: Komt gezegenden. Gij die als God leeft en heerscht, met God den Vader, in d'e eenheid van den

274

ocr page 277

DE H. KRUISWEG-.

H. Geest, door alle eeuwen der eeuwen. Amen. V. Heilige God, Heilige Sterke, Heilige Onsterfelijke.

R. Ontferm U onzer.

V. Laten wij den Heer dankzeggen.

E. God zij gedankt.

V. Dat de geloovige zielen door Gods barmhartigheid rusten in vrede.

R. Amen.

TWEEDE STATIE.

Jesus neemt h.et Kruis op Zjjne schouders.

Op mijnen rug Jicbbcji de zondaren gesmeed. Ps. 12S.

Ant. Wees gegroet, onze Koning: Gij alleen begaan met onze dwalingen, zijt gehoorzaam aan den Vader, ten kruisdood geleid, gelijk het zachtmoedige lam ter slachting. Heil U, Hosanna : aan U de zegepraal en overwinning : aan U de schoonste kroon van lof en eer.

Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer. Onze Vader. Wees gegroet.

V. De straf van onzen vrede rust op Hem. R. Door Zijne striemen zijn wij genezen. V. Op Hem hef ft de Heer ons aller ongerechtigheid gelegd.

275

ocr page 278

de h. kruisweg.

R. Om de zonden van Zijn volk heeft Hij Hem

geslagen.

V. Heer, verhoor mijn gebed.

R. En mijn geroep kome tot U.

Laat ons bidden.

Heer, Jezus Christus, enz. Bladz. 274.

DERDE STATIE.

Jezus valt voor de eerste maal onder het Kruis.

Hoe zivaar is het gewicht onzer zonden, waaronder Degene bezwijkt, die alles draagt door /iet woord Zijner macht /

Ant. Onze Heer Jezus Christus heeft Zich vernederd tot den dood, ja tot den dood des Kruises. Daarom heeft God Hem verheven, en Hem eenen naam gegeven boven alle namen.

Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer. Onze Vader. Wees gegroet.

V. Hij heeft inderdaad onze kwellingen verduurd.

R. Hij heeft onze smarten gedragen.

V. Hij is gewond om onze ongerechtigheden. R. Hij is vermorzeld om onze misdaden. V. Heer, verhoor mijn gebed R. En mijn geroep kome tot U.

276

ocr page 279

DB tl. KRUISWEG.

Laat ons bidden.

Heer, Jezus Christus, enz. Bladz. 274.

VIERDE STATIE.

Hlaria en de H. Joannes ontmoeten Jezus.

IVaf vlijmend z-cvaard van droefheid heeft het hart van Maria en van den veelgeliefden Leerling doorboord, bij dezen aanblik van Jezus ! Welk gevoel van medelijden wekt dit in uw hart?

Ant. O gij allen, die langs dezen weg voortgaat, aanschouwt en ziet, of er eene smart is gelijk aan mijne smart. Hierom ween ik, en vloeien de tranen uit mijne oogen, omdat de Vertrooster verre van mij is, die mijne ziel opbeurt. Mijne oogen zijn vermoeid van het schreien: geheel mijn gemoed is ontsteld: alle blijdschap is van mij geweken, uit deernis met mijnen Zoon, omdat de vijand overwonnen heeft.

Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer. Onze Vader. Wees gegroet.

V. Groot als de zee is uwe droefheid.

R. Wie zal U heeling verstrekken ?

V. Een zwaard van droefheid heeft uwe eigene

ziel doorboord.

R. Opdat uit veler harten de gedachten openbaar worden.

277

ocr page 280

I

de h, kkoisweo.

278

■s I

V. Heer, verhoor mijn gebed.

R. En mijn geroep kome tot U, Laat ons bidden.

Heer Jezus Christus, enz. Bladz. 274. VIJFDE STATIE.

Simon van Cyrene helpt Jezus' Kruis dragen.

Simon draagt gedwongen het Kruis achter Jezus ; hoeveel verdienste had hij zich verworven- met het vrijwillig te dragen! IToe is het gesteld met nwc vaardigheid om hef Kruis van Jezus te dragen ?

Ant. Wij voor ons moeten roemen in het Kruis van onzen Heer Jezus Christus, in Wien ons hei), ons leven en onze verrijzenis is ge-leg-en, door Wien wij bevrijd en verlost zijn.

Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer. Onze Vader. Wees gegroet.

V. Het zij verre van mij in iets anders te roemen, dan in het Kruis van onzen Heer Jezus-Christus.

R. Door Wien voor mij de wereld gekruisigd

is, en ik voor de wereld.

V. Getrouw Kruis, eenig edel onder alle boomen.

ocr page 281

db h. kruisweg.

K. Zoo edel van blad en bloem en vrucht brengt

geen enkel woud voort.

V. Heer, verhoor mijn gebed.

R. En mijn geroep kome tot U.

Laat ons bidden.

Heer Jezus Christus, enz. Bladz. 274.

ZESDE STATIE.

Veronica droogt Jezus' aangezicht af.

Welk ccnc kostbare afbeelding mocht deze vrouw -eau Jezus ontvangen ! Wil hierop uw oogen steeds gevestigd honden.

Ant. Ziet, wij hebben Hem gezien zonder gedaante of schoonheid, veracht en den geringste der menschen; den Man van smarten, die weet wat lijden is ; en Zijn gelaat was als verborgen, zoodat wij geen acht op Hem geslagen hebben. Onaanzienlijk is Zijn gelaat onder de levenden, alsmede Zijne gestalte onder de kinderen der menschen, niettegenstaande Hij van uiterlijk de schoonste is onder de kinderen der menschen, door Wiens striemen wij genezen zijn.

Heer. ontlenn U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer. Onze Vader. Wees gegroet,

V. Heer, God van alle macht, bekeer ons. E. En toon ons U aanschijn, dan zullen wij behouden zijn.

279

ocr page 282

DB H. KRUISWEG.

V. Keer Uw gelaat van ons niet af.

I!. In Uwe gramschap, wend U niet van Uwe

dienaren.

V. Heer, verhoor mijn gebed.

R. En mijn geroep kome tot U.

Laat ons biddex.

Heer Jezus Christus, enz. Bladz. 274.

ZEVENDE STATIE.

Jezus valt voor de tweede maal ouder het Kruis.

Hoe zult gij het bestaan in het laatste oordeel f

Ant. Zij hebben Mij overgeleverd in de handen der goddeloozen, Mij geworpen te midden der boozen, en zij hebben Mijn leven niet gespaard : de geweldigen zijn tegen Mij vergaderd, als reuzen stonden zij tegenover Mij, terwijl zij Mij verschrikkelijk aanzagen en wreed doorwondden, hebben zij Mij bespot.

Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer. ontferm U onzer. Onze Vader. Wees gegroet.

V. Ik ben nu een aardworm, en geen mensch meer.

E. De verachting der mensehen, en het uitwerpsel des volks.

V. Allen, die Mij zagen, belachten Mij.

280

ocr page 283

db h. kruisweg.

R. Zij bewogen hunne lippen en schudden hunne

hoofden.

V. Heer, verhoor mijn gebed.

R. En mijn geroep kome tot U.

Laat ons bidden.

Heer Jezus Christus, enz. Bladz. 274.

ACHTSTE STATIE.

Jezus troost de weeueude vrouweu.

Waar zijn uwe tranen, waannede gij alleen tizve zonden beweent, en geen tijdelijk verlies ?

Ant. Dochters van Jeruzalem, weent niet over Mij, maar weent over u zelve en over uwe kinderen. Want ziet de dagen komen, waarop men zeggen zal: „Zalig de onvruchtbare en de schoot, die niet gedragen heeft, en de borsten, die niet gezoogd hebben.quot; Dan zal men tot de bergen roepen: „Valt op ons;quot; en tot de heuvelen: „Bedekt ons.quot; Want als men met het groene hout aldus handelt, wat zal er dan met het dorre geschieden ?

Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer. Onze Vader. Wees gegroet.

V. Christus de Heer, het leven van ons leven. R. Is gevangen om onze zonden.

V. De kroon is van ons hoofd gevallen.

281

ocr page 284

de h. kruisweg.

E. Wee onzer, omdat wij gezondigd hebben. V. Heer, verhoor mijn gebed.

E. En mijn geroep kome tct U.

Laat ons bidden.

Heer Jezus Christus, enz. Bladz. 274.

NEGENDE STATIE.

Jezus valt voor de derde maal onder het Kruis.

Hoe dikwi/ls wordt Jezus door onze doodzonden ter aarde nedergeuwrpen f

Ant. Mijn volk, wat heb Ik u misdaan, of waarin heb Ik u bedroefd ? Antwoord Mij! Ik heb u uit Egypte geleid; en gij hebt Mij uit-gsleid n?KU' den schandpaal des Kruises. Veertig jaren heb Ik u m de woestijn met Manna gevoed ; en gij heb'; Mij geslagen met vuisten en geeselroeden Ik heb u een koninklijken schep-ter gegeven; en gij hebt Mijn hoofd omspannen met een kroon van doornen. Wat moest Ik nog voor u doen, dat Ik niet gedaan heb.

Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer. Onze Vader. Wees gegroet.

V. Gelijk een schaap is Hij ter dood geleid. E. Als een lam. dat zijnen mond niet opent voor

wie het scheert.

V. Hij heeft Zijn leven ter dood overgeleverd.

282

ocr page 285

de li. kruisweg.

R. Om Zijn volk levend te maken.

V. Heer, verhoor mijn gebed.

E. En mijn geroep koine tot U.

Laat oxs bidden.

Heer Jezus Christus, enz. Bladz. 274.

TIENDE STATIE.

Jezus wordt van Zjjne kleederen beroofd en met gal en azijn gelaafd.

Als gij onbcmnhartig z/ji jegens dc armrn, zijt gij het ook voor Jezus.

Ant. Mijn volk, wat heb Ik u misdaan, of waarin heb Ik u bedroefd ? Antwoord Mij ! Ik heb u uitgeleid uit het land der slavernij naar het land van belolte; en gij hebt Mij, nedergedaald uit den schoot Mijns Vaders, gevoerd tot den dood des Kruises. Ik heb u, mijnen kostbaren wijngaard geplant, en gij hebt Mij overvloedig bitterheid geleverd. Ik heb u gelaafd met heilzaam water uit de aarde ; en gij hebt Mij gelaafd met gal en azijn. Wat moest Ik nog voor U doen, dat Ik niet gedaan hebquot;?

Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer. Onze Vader. Wees gegroet.

V. Mijne kracht is uitgedroogd als eene scherf. R. Mijne tong kleefde vast aan mijne keel. V. Zij gaven Mij ga! tot spijs.

283

ocr page 286

de h. kruisweg.

R. En in Mijnen dorst laafden zij Mij met azijn. 1

V. Heer, verhoor mijn gebed.

R. En mijn geroep kome tot U. 1

Laat ons bidden. ^

Heer Jezus-Christus, enz. Bladz, 274.

ELFDE STATIE.

Jezus wordt aan het Kruis genageld.

O, hoe sterk zijn de handen van liefde, waarmede Jezus Zich aan u verbonden heeft! Met welke banden verbindt gij u aan Hem ? |

Ant. Mijn volk, wat heb Ik u misdaan ? Ik heb u verheven in groote kracht; en gij hebt Mij opgehangen aan den schandpaal des Krnises.

Ik heb Ti groot gemaakt boven alle volken; en gij hebt Mij verzadigd met verguizing en vervloeking. Ik heb voor u de Roode Zee geopend;

en gij hebt Mijne zijde met eene lans geopend. Wat moest Ik nog voor u doen, dat Ik niet gedaan heb.

Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer. Onze Vader. Wees gegroet.

V. Wat beteekenen die wonden in het midden

Üwer handen ?

R. Zoo ben Ik gewond in het huis van hen, die Mij beminden.

284

ocr page 287

db h. kruisweg.

V. Zij hebben Mijne handen en Mijne voeten doorboord.

E. Zij hebben al Mijne beenderen geteld. V. Heer, verhoor mijn gebed.

R. En mijn geroep kome tot U.

Laat ons bidden.

Heer Jezus Christus, enz. Bladz. 274.

TWAALFDE STATIE.

Jezus sterft aan het Kruis.

Overweeg icat ïiïv stervende Jeziis gesproken en gedaan heeft. Mocht ook gij op gelijke wijze sterven /

Ant. Zie, hoe de rechtvaardige sterft, en niemand neemt het ter harte: de rechtvaardigen worden weggenomen, en niemand slaat er acht op. Voor het aanschijn der ongerechtigheid wordt de rechtvaardige weggenomen, en zijne gedachtenis zal in vrede zijn.

Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer. Onze Vader. Wees gegroet.

V. Christus is voor ons gehoorzaam geworden

tot den dood.

E. Ja, tot den dood des Kruises.

V. Wij aanbidden U, Christus, en wij loven U E. Omdat Gij door Uw Kruis de wereld verlost hebt.

285

ocr page 288

de h. kruisweg.

V. Heer, verhoor mijn gebed.

R. En mijn geroep kome tot U.

Laat ons bidden.

Heer Jezus Christus, enz. Bladz. 274.

DERTIENDE STATIE.

Jezus wordt van het Kruis afgenomen en in den schoot Zijner Moeder nedergelegd.

Beschouw dc hevige smarten, -welke Maria's ziel vervulden, toen Zij het ontzielde Lichaam van haren Zoo)i, van het Kruis afgenomen, in hare armen ontving en op haren schoot nederlegde. De liefde veroorzaakte Haar zooveel lijden, dat Zij waarlijk Martelares werd. Welke liefde en wat medelij den koestert gij'voor irwen Verlosser ?

Ant. Met wie zal ik U vergelijken ? Of met wie U gelijkstellen, Dochter van Jeruzalem ? Wie kan U evenaren, Dochter van Sion ? Groot als de zee is uwe droefheid. 0 Moeder van barmhartigheid, laat ik met U den dood van Jezus dragen, maak mij deelgenoot in uw lijden.

Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer. Onze Vader, Wees gegroet.

286

ocr page 289

de it. kruisweg.

V. Laat ons door ü, Maagd Maria, de zaligheid putten.

R. üit de wonden van Christus.

V. Lieve Jezus, laat mij door Uwe Moeder komen.

R. Tot den palm der overwinning,

V. Heer, verhoor mijn gebed.

R. En mijn geroep kome tot U.

Laat ons bidden.

Heer Jezus Christus, enz. Bladz. 274.

VEERTIENDE STATIE,

Het Lichaam van Jesus wordt in het graf gelegd.

BcscIwu-m, mijne ziel, hoe het Lichaavi van Jezus, met reukwerken gebalsemd, in een nieuw graf gelegd werd. Af et welke eerbewijzing ontvangt gij, dagelijks, hetzij werkelijk of geestelijkerwijze, Jezus, uwen Verlosser f Beijvert gij ïi voor Ztjne ontvangst steeds een nieuw hart te bezitten, versierd met schitterende deugden ?

Ant. Ik ben gerekend onder degenen, die ten grave dalen; Ik ben geworden als een mensch zonder hulp, vrij onder de dooden. O, goede Jezus, met de vrouwen kom ik tot Uw Graf, om te weenen en te schreien, dat ik mij zoo onwaardig gemaakt heb, om in mijn hart het

287

ocr page 290

de h. kruisweg.

rijk Uwer genade te bewaren en te bestendigen. '

Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer. Onze Vader. Wees gegroet.

V. Mijn Lichaam rust in vrede.

E. En Gij zult Uwen Heilige het bederf niet

laten aanschouwen.

V. Sta op; Heer, help mij.

R. En verlos mij van mijne zonden.

V. Heer, verhoor mijn gebed.

K, En mijn geroep kome tot U.

Laat ons bidden.

Heer Jezus Christus, enz. Bladz. 274.

GEBED.

288

Zie, smeeken wij U, o Heer, genadig neder op ons, Uw hursgezin, waarvoor onze Heer Jezus Christus niet geaarzeld heeft Zich over te leveren in de handen Zijner vijanden en den dood des Kruises te ondergaan. Die als God met U leeft en heerscht in de eenheid van den H. Geest, door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Einde.

ocr page 291

INHOUD.

Bladz.

Inleiding................7

Eerste Smart.

Iste Febr. — isle Verb. Het Lam Gods geslachtofferd van den beginne der wereld af. . . . 10 2de Kebr. — 2de Verh. »Zie, Deze is gesteld ten

val en tot opstanding van velen in Israëlquot; . . l8 3de Febr. — 3de Verh. »Zie, Deze is gesteld tot een teeken, dat wedersproken zal worden, opdat uit veler harten de gedachten zich openbarenquot; 26 4de Febr. — 4de Verh. »En door uwe eigene ziel

zal een zwaard gaanquot;..........33

Tweede Smart.

5de Febr. — iste Verh. De Kindennoord van Bethlehem ................41

.6de Kebr. — 2de Verh. De vlucht naar Egypte . , 4S

7de Febr, — 3de Verh. liet verblijf in Egypte . . 55

8ste Febr. — 4de Verh. De terugkeer uit Egypte . 62

Derde Smart.

9de Febr. — Iste Verh. Het Paaschfeest .... 69

ocr page 292

mr--

INHOUD.

Bladz.

10de Febr. — 2de Verh. Jezus blijft te Jeruzalem

achter...............76 i

llde Febr. — 3de Verh. Het zoeken naar Jezus. . 83 i 12de Febr. — 4de Verh. De terugvinding van het

Kind Jezus in den tempel........90

Vierde Smart.

13de Febr. — iste Verh. Bethanië......97

14de Febr. — 2de Verh. Gethsemane.....105

15de Febr. — 3de Verh. Jeruzalem......113

16de Febr. — 4de Verh. Op den Kruisweg . . .122

Vyfde Smart.

17de Febr. — iste Verh. De Kruisiging .... 130 18de Febr. — 2de Verh. De goede moordenaar . . 137 19de Febr. — 3de Verh. »Ecce Mater tuaquot; . . . 143 20ste Febr — 4de Verh. De dood des Heeren . . 150

Zesde Smart.

21ste Febr. — iste Verh. Maria onder het Kruis

van haren gestorven Jezus........158

22ste Febr. — 2de Verh. De Lanssteek ... 166 23ste Febr. — 3de Verh. Christus' afneming van het

Kruis . . . .............174 1»

24ste Febr. — 4de Verh. Maria vereert 's Heeren

heilige Wonden...............182

Zevende Smart.

25ste Febr. — iste Verh. De begrafenis des Heeren 189 gt;

26ste Febr. — 2deVerh.DeterugkeervanhetH.(iraf 197

j

2^ -

ocr page 293

TNHOUD.

Rladz.

27ste Febr. — 3de Verh. Maria en de ontluikende Kerk 204 28ste Nebr. — 4de Verh. Maria volhardt in de overweging van Jezus' lijden . . . , . . . .212

De H. Mis .............. . 220

De Litanie van Onze Lieve Vrouw der Zeven Smarten 259 Het scapulier en de Rozenkrans van O. L. V. der

Zeven Smarten . ........ • • 264

Novene ter eere van O. L. V. der Zeven Smarten. 266

De Stabat Mater . ................269

De H. Kruisweg ............273

*

„CüM APPROBATIONS ORDINARII

Haulkmrnhis ! !

H F. J. RIK.MENSPOEL, Librorum censor.

Amstulodami in feyto Epiphaniae 1899.

ocr page 294
ocr page 295
ocr page 296
ocr page 297
ocr page 298