ocr page 1
ocr page 2
ocr page 3
ocr page 4
ocr page 5
ocr page 6
ocr page 7

NIEUW COMMUNIE-BOEKJE,

tiz cwe, van óc Gfdndz, Smulba, éPalsLoms btx, yobvuicHticfC. Sommunii,

-A-A-IST GEBODEN aan allb christenen die vehlangen mj5t vuiligheid te

COMMUNICEEREN,

P. fr. Alb. RIJERS,

van de Orde der^Prediklieeren.

Tweede, vermeerderde uitgave.

Uitgegeven ten voordeele van het St. JOSEPH-GESTICHT op CURAQAO.

yiJMEGEX,

L. 0. G-. MALMBERG amp; Go. 1892.

ocr page 8

Bezoek ons, Heer, naar de mate. waarop wij U vereeren.

St. Thomas van Aquino.

Imprimi Permittimus.

Huissen, 24a Novmbris 1890.

fr. A. VAN VEN ELZEN, O. Fr.

Pr. Pr on.

Imprimatur. B. H. M. BERN SEN, Ceus. Lihr.

ocr page 9

---

Uu tic êoiltniaitfitilc 2iel

ej' ooit een klacht in den stoel der hoet-vaardigheid herhaaldelijk yehoord wordt, dan is het wel deze: „Ik ben immer zoo dor en verstrooid; ik gevoel zoo veinig godsvrucht hij mijn heilige Communie!quot;

Die klucht komt diep uit het hart, eu is j I ook altoos een uitdrukking ran den innig en wensch: dat hij die daar uit naam van God als heelmeester nederzit, hulp en heil aan-brenge voor deze krankte der ziel.

Geen behoefte nu van den mensch, of God heeft er Zijne 11. Kerk in Zijnen hemel eene Voorziening voor bereid. De voorbeelden van quot; deze of gene Patroon of Patrones toonen hem den ireg om van zijn kwalen te worden genezen, en moedigen er hem krachtig toe aan. ; Zij weren tevens van hem alles wa' hij op dit gebied ducht, en verwerven de bizondere ge-? nade, welke hun leven gekenmerkt heeft. ^

. VVS---------fTNS-G

ocr page 10

-----egt;^-

Welnu dan, Godvrmhtige Ziel, gij, die zoo klaagt ooer verstrooiing en dorheid vóór en na het nuttigen van het Goddelijk Lichaam omes Heereu, stel u dan onder de hoede der Gelukzalige Igt;LELDA. Zij is de Patrones der vurige Cmmtmie. Doe zoo als Imelda deed. Tracht haar trourc na te volgen. Hoe trouwer gij haar navolgt, hoe meer in uw nood zal worden voorzien. En roeji haar tevens aan! Zij moet wel veel vermogen op het Hart van haren Jesus. Vraag door haar voorspraak, wat zij zelve zoo rijkelijk in dit leren heeft ontvangen. Vraag met Haar en door Haar wat eigen verdiensten u wellicht niet zouden rertcerven, maar wat Jesus aan zijne beminde Bruid nimmer kan weigeren. -gt; ;

Ziedaar het doel waarmede zich dit werkje tot u richt. Uw hartewensch bevredigen en aan tm klagen over uw dorheid bij uw Communiën een einde maken. Imelda's leven zal u tot voorbeeld zijn. De Noveen en andere gebeden tot Haar gericht zullen steeds, zoo niet met een gevoelde devotie, dan toch met veel vrucht voor uw geestelijk leren tot de H. Tafel doen naderen. De verschillende oefeningen in dit werkje, onder de bizondere aanroeping p ran de H. Imelda % aangeboden, zullen u

VOOKREDE.

3= •-

ocr page 11

ï

$6^9-

VOORREDE.

V

voldoende afwisseling schenken, en nw godsvrucht, naar ire hopen, steeds nieuw roedsel geren. God en het beminnelijke heilige kind Imeld-a mogen het overige doen!

In meer stoffelijken zin is ook dit [melda-Boekje, eren als dat der Eerste H. Communie, bestemd, om een steentje aan te brengen voor het treeshuis der arme negertjes ran Curagao. In Nederland zijn de toestanden der Katholieke Kerk, God lof! van dien aard dat de \ liefdadigheid zich het kind, voor geheel zijn j leven ran rader en moeder beroofd, altoos ! aantrekt. Zij draagt zorg zoo voor de ziel ah ' voor het lichaam van den armen wees. In onze \ West is dit niet aldus. Vel vindt het oude^--loos negertje hier en daar een goed hart, dat hem wat metis, wat kleeding, en voor eenige dagen een goed onderkomen schenkt; maar een \ dak dat hem het gemis van vader en moeder vergoedt, waar men hem, met het tijdelijk onderhoud, het noodige onderricht schenkt om \ later ah zelfstandig man op te treden in de maatschappij en als braaf christen te leven, dat heeft het arme kind niet. Zijn toestand is dubbel beklagenswaardig. De missionu, issen van Curagao hebben daarom een beroep ge-aj daan op de milddadigheid der katholi '

)

f^ns-

ocr page 12

VOORREDE.

2

c) V1

het moederland, tot het bijeen brengen ran de gelden, rereischt tot huisvesting, voeding en kleeding dier zwaar beproef den. Doet ieder, tot tcien hun stem doordringt, iets, dan zal weldra de noodige som zijn verkregen. Ook wij wilden niet achterblijven, en zoo viel het ons in, dit werkje geheel en al ten voordeele van het St. Joseph- Weeshuis op Curagao af te staan. Moge het alom ouder onze Katho-Heken welkom wezen, opdat de voordeelen niet ie gering zijn. Moge het door iedereen in zijn kring wijd worden verspreid, opdat het krachtdadig meeicerke tot de verzorging van vele weezen, die rijkelijk door afgebeden zegeningen hun weldoeners zullen vergoeden, wat zij aan hen hebben te danken.

En nu mijn boekje, ga de wereld in. Wek alom de godsvrucht op tot het lieve, heilige Kind Tmelda. Leer allen, die u ter hand nemen. Haar na te volgen in godsvrucht en reinheid. Moedig hen aan Haar tot hm Patrones te kiezen. Doe al degenen tot Haar hun toevlucht nemen, die nog ongevoelig, oneerbiedig, onaandachtig en vandaar zonder liefde zijn voor hun Jesus in Zijn heilige tabernakelen, Deel hun een vonkje mede van de liefde, welke Haar zoo geheel verteerde, p

ocr page 13

voorrede.

Laat hai het (jroote gewicht beseffen van het oogenblik, waarop zij Hem in hun hart zullen ontvangen. In een woord, wees door de genade ran God het nederige middel om er reien, steeds een goed voorbereide, een waardige Heilige Communie te laten doen.

De zegen van den Allerhoogste en van Zijne Onbevlekte Moeder, de Koningin van den allerheilig sten Rozenkrans, ruste daarom ten overvloedigste op u!

Overeenkomstig het voorschrift van Paus Urbanus Fill verklaren wij alle feiten en wonderen in dit werkje vermeld, aan het oordeel der Kerk te onderwerpen. Zonder eenig voorbehoud keuren wij goed wat zij aanneemt, verwerpen wij wat zij veroordeelt.

Nijmegen, jeestdag van den Gelukz.

'ïpïfKS

Albertus Magnus, 1890.

De S c h i' ij t e r.

ocr page 14

I.

Consummata in brevi, explevit tempora multa, In een kort leven heeft zij een lange loopbaan voleind, Quoniam dilexit multum.

Wijl zij veel bemind heeft.

der meest verlichte kenners der god-jjrquot;^ dolijke dingen, de Heilige Leeraar Tho-mas van Aquine, bewijst ons in zijn schriften, dat de volmaaktheid van het christelijk leven moet berekend worden naar de volmaaktheid der goddelijke liefde. God schijnt dit te hebben willen bevestigen in de wonderdadige werken door Hem in de Gelukzalige Maagd Imelda gewrocht. Zij was slechts een kind van twaalf jaar, maar zoo buitengewoon vervuld met do goddelijke liefde, dat zij een Heilige is geworden, en op onze al-

KOSTBAAR LEVEN EN HEILIGE DOOD

ocr page 15

9

taren verheven. Van haar als van Maria Magdalena 1) kon worden getuigd, tidat zij reel bemind heeft.quot; 2) Zij heeft veel bemind, ziedaar de geheele geschiedenis van haar leven. Ziedaar waarom zij in weinige jaren een lange loopbaan heet't afgelegd.

Imelda werd te Bologne geboren uit het geslacht der Lambertini's, een der adelijksten niet alleen van deze stad, maar zelfs van geheel Italië. Van hare prilste jeugd aan gaf zij blijken van innige vroomheid en vaii een grooten levensernst. Men treft bij wijlen kinderen aan, waaromtrent men zich afvraagt, of het wellicht geen engelen zouden zijn, voor een oogenblik aan de aarde geleend om hun omgeving te stichten en te verheffen. Aan allen die hen naderen, boezemen zij onwillekeurig eerbied in, en bij den eersten aanblik winnen zij aller hart. Doch hun leven is kort, en op eens, zonder dat het iemand bevreemdt, worden zij ons ontrukt. Iedereen zegt weenend bij het strooien van

1) De naam haar bij het doopsel gegeven was ook Magdalena. In het klooster wisselde men dien voor Imelda, waarschijnlijk om haar groote zachtheid en ongemeene lieftalligheid; want Imelda beteekent, volgens een vromen Karmeliet, die haar bizondcr vereerde : Quasi mei data : aan de wereld als henig gegeven.

2) Luc. VII, 47.

1*

ocr page 16

10

!

bloemen op hun graf; //Deze ziel was te rein 1

voor de wereld ; zij was niet om onzentwille 1

geschapen.quot; s

Zoo was ook Imelda. Men merkte in haar reeds van de eerste jaren iets hemelsch, j 'v

een natuurlijke, bekoorlijke zedigheid, welke i

'de bewondering wekte van allen, die het c

geluk hadden haar te ontmoeten. Als zij ]

weende was het overbodig met sprookjes i

en fabels haar tranen te willen stillen. i

Alleen een gesprek over geestelijke zaken, 1

het eerbiedig uitspreken der zoete Namen 1 van Jesus en Maria, of iets van dien aard.

was in staat haar wederom een zachte glimlach op de lippen te brengen. Toen zij de jaren van verstand bereikt had, veranderde zij zelve een der vertrekken van het ouderlijk huis in een bid-kapellétje. Daar ontweek zij de spelen barer vriendinnetjes, en bad er met luide, ernstige stem de psalmen van den propheet David of andere godvruchtige gebeden. Al wat de wereld haar aan verleiding, of het ouderlijk paleis aan pracht aanbood, kon haar geen belang inboezemen: zij had er niets dan verachting voor over. Op tienjarigen leeftijd, toen zij al het ijdele er van oogenschijnlijk nog niet kon begrijpen, nam zij reeds het besluit het te verzaken. Zij wilde zoo spoedig mogelijk uit liefde tot Jesus in voortdurende armoede, gehoorzaam-

ocr page 17

11

I

heid en reinheid leven, te midden eener religieuze communiteit, waar zij geheel en al aan Hem kon toebehooren.

Zij vroeg dan en verkreeg van hare god-gt; vreezende ouders de toestemming in het Do-minikanessen-klooster van de H. Maria-Mag-dalena te Valdipietra bij Bologne, te treden. Daar zou zij, volgens de gebruiken destijds in zwang, het Dominikaner-habijtj.aannemen, en er zich voorbereiden om, na eenige jaren van rijp beraad, door een plechtige gelofte haar eeuwige verbintenis met Jesiis te sluiten. In die dagen had zij liet alreeds in stilte voor haar zelve gedaan.

Doch was zij al bij haar intrede de jongste en de minst ervarene van alle zusters, het leed niet lang of zij was aller stichting •en bewondering. Daar was geen punt in den kloosterregel zoo moeielijk, dat zij niet met de stipste nauwkeurigheid vervulde. Daar was geen strijd zoo zwaar tegen haar neigin-p gen en eigen wil, of zij overwon ; geen boet-pleging zoo streng, of zij deed die haar onschuldig lichaam ondergaan. Volgens de overlevering in het klooster van Valdipietra bewaard, heeft dit reine kind in boetvaardigheid ■niet ondergedaan voor vrouwen, die jaren lang in zonden geleefd hadden, zooals een Maria Magdalena of een Maria van Egypte.

Maar waarom dan dit onschuldig lichaam

ocr page 18

12

zoo gekastijd ? //Omdat, zegt een oud geschied-schrijver, 1) omdat, wanneer het hart van liefde verteerd wordt, het onmogelijk is, dat het zulks niet toone, en die liefde niet op de een of andere wijze openbare.quot; Even als de H. Agnes had zij gaarne haar leven uit liefde tot God gegeven. Maar wijl zulks niet kon, wilde zij zich ten minste door boetple-gingen schadeloos stellen, en zich door lijden troosten niet als Martelares voor Jesua te kunnen sterven.

In korten tijd was zij zulk een volmaakt toonbeeld van alle religieuse deugden, dat zelfs de oudste zusters zich aan haar spiegelden. Door iedereen werd zij bemind met die genegenheid, welke de ware deugd onweerstaanbaar wekt. Het meest muntte zij uit door haar voortdurend gebed, door haar kinderlijke liefde voor de Koningin van den Allerheiligsten Rozenkrans, en haar uitnemende godsvrucht voor het Allerheiligste Sacrament des Altaars. Zij kende geen grooter geluk dan uren achtereen voor dit Aanbiddelijk Geheim onzer Altaren te vertoeven, en zich met Jesus in het H. Tabernakel te onderhouden. Dan gevoelde zij levendig in

i) Zie „kort verhaal van het wonderdadige leven van de Gelukzalige Imelda Lambertini, Maagd uit de orde der Predikheeren.quot; Door een Priester uit het klooster van Benavarra (Aragonië) dierzelfdeorde.

ocr page 19

13

haar hart de waarheid der woorden van den Psalmist: i/O God, Heer der Heerscharen, wat zijn Uwe woontenten aantrekkelijk ! Wat is het zoet aan Uwe altaren, o mijn Heer en mijn God ! Hoe is één dag, doorgebracht in Uw heiligdom, veel meer waard dan duizend anderen in de woningen der zondaren ! . . . lederen ochtend gedurende de H. Mis, was zij verslonden in de beschouwing van dit ontzagwekkend Mysterie. Haar liefde verried zich in hare tranen, en zoo krachtig waren hare verlangens, dat zij onmogelijk haar liefdeverzuchtingen kon onderdrukken. Maar vooral in de oogenblikken der Nuttiging, wanneer hare medezusters aan den hemelschen Liefde-disch aanzaten, dan gevoelde Imelda haar hart als in vuur ontstoken, en als wegsmelten door de liefdevlammen, die haar verteerden. In de uren der uitspanning had zij maar één gedachte, was onverschillig voor al het overige, maar stelde, kinderlijk eenvoudig als zij was, herhaaldelijk aan haar medezusters deze vraag: quot;Ach, ik bid u, verklaar mij toch, hoe is het mogelijk, dat men Jesus in zijn hart ontvangt en niet sterft van liefde ?quot; . . .

Hoe het nu geschiedde, weten wij niet, maar men meende nochtans niet den gestelden tijd te mogen vervroegen en haar vóór haar veertiende jaar, zooals de gewoonte des lands het medebracht, tot dc Heilige Tafel toe

ocr page 20

14

te laten. Imelda's oversten letten waarsclüjn-lijk minder op haar vroomheid, zedigheid en ernst, dan wel op haar jeugdigen leeftijd. Het heilige kind moest haar vurig verlangen nog bedwingen, en eenige jaren wachten.

Ach! wie zal het beschrijven hoe zij daaronder leed! //Welk eene foltering!// roept de bovengenoemde Spaansche geschiedschrijver uit, //Welk een foltering, beminnen. God beminnen, verlangen zich met Hem te vereenigen, en nooit zijn verlangen bevredigd zien! God beminnen, naar God verzuchten, verzuchten om Hem in zijn hart te ontvangen, om zijn ziel aan Hem vast te klemmen, om Hem altoos bij zich te hebben, en, ondanks dit alles. Hem nooit bezitten!... Welk een marteling ! Maar toch gelukkig zij, o mijn God, die aldus door uwe liefde gemarteld worden; en hoe ware het te wenschen, dat alle stervelingen, en ik met hen, zulk een pijniging ondervonden!quot; — Een weinig verder vervolgt hij: //De Heilige Tlieresia noemt de liefde //een goddelijk vuur,quot; steunend op het woord der H. Schrift //de liefde is sterk als de dood, de liefde is hard als een hel.quot; Dan, duizendwerf gezegend hij, o mijn God, die door die liefde den doodelijken slag ontvangt, en die zich in dat goddelijk vuur zou voelen werpen, waaruit hij nooit meer hoopt, of liever aooit meer vreest, verlost te worden.//

ocr page 21

15

II.

Imelda zag zich dus gedwongen te wachten. Dan, men kan niet lang in zijn verwachting te leur worden gesteld, wanneer men zich eens ernstig heeft voorgenomen Uwe liefde, o mijn God, te zoeken. Voor U bestaat er geen onderscheid van persoon of leeftijd. Gij rekent alleen naar de meerdere of mindere liefde. Dat hebt Gij ons zelf eenmaal verklaard door den mond van den Wijzen man: //Allen die mij beminnen, bemin ik eveneens, en zij die mij van den vroegen ochtendstond zoeken, vinden mij stellig.quot;

Dit goddelijk woord kon hier niet falen. Hij, die zijn vermaak schept onder de leliën, toefde niet lang om de vrome verlangens van het heilige kind te vervullen.

Het was Hemelvaartsdag, den 12den van Bloeimaand 1883. De Heilige had den leeftijd van twaalf jaren bereikt, en was dus niet veel jonger dan de gezegende dochter van Anna en Joachim, toen deze het bezoek van den Zoon Gods in haar hart ontving. Hare medezusters gingen beurtelings, ingetogen, het gelaat stralend van geluk, ter Heilige Tafel op. Alleen Imelda moest op haar plaats blijven. Daar lag zij op haar bankje neergeknield. Tranen van heilige droefheid, dat ook haar dit seluk niet beschoren was.

ocr page 22

16

vloeiden haar langs de wangen. Nooit hadden vuriger gebeden en overvloediger brandende tranen heviger verlangens kracht bijgezet. De oogen ten hemel, de handen onder het wit schapulier op de borst gekruist, en de zware kloppingen van haar hart, dat dreigde te breken, bedwingende, was zij daar een verrukkelijk schouwspel voor engelen en men-schen. Hare vingeren omknelden het beeld van den goddelijken Gekruiste, dat zij voortdurend bij zich droeg. //O, welbeminde mijner wziel ! verzuchte zij met de Bruid van het /'Hooglied, O kom ! Kom in dezen bloemhof, fdie ü geheel en al toebehoort, pluk er alle «vruchten. Sta toe, dat mijne ziel tot U op-quot;Stijgt, of zie niet meer op haar neder. Trek «mij tot U, laat mij tot de zoetheid uwer «geuren snellen. O mijn welbeminde. Uw «beeld zal altoos in mijn hart blijven gedrukt! «Doch waarom mag ik niet meer doen ? «Waarom mag ik U ook niet in mijn hart «binnenleiden, en daar met U Uw goddelijk «bezoek vieren! Kom, Heer Jesus, kom; «want ik kwijn van liefde, en sterf van ver-«langen naar uw aanbiddelijk bezit.quot;

En nog kwam Jesus niet.

Maar Imelda wist dat een volhardend gebed alles vermag.

Zij bleef aandringen en aandringen. Zij wilde, als het ware, het geduld van haren

ocr page 23

17

Bruidegom uitputten, tot Hij zich ten langen laatste aan haar zon schenken. Haar overvol hart gaf zich lucht in een vloed van liefdevolle verzuchtingen; //Ach, mijn God en mijn Heer, zoo klaagde zij in haar kinderlijken eenvoud, //stelt gij er zooveel behagen //in te zien, hoe uwe jeugdige dienstmaagd //door zulke onuitsprekelijke verlangens wordt //verbrand en verteerd ? Vergeef mij mijn //vrijmoedigheid, o koning mijns harten, maar //ik zie niet in, waarom ik alleen dus van U //verwijderd moet blijven. Waarom moet ik //alleen van het genot verstoken blijven TJ te //nuttigen? Waarom mag ik alleen niet aan //uw bruiloftsmaal aanzitten ! Lo «

//Men geeft voor, dat ik nog te zeer kind, //te jeugdig ben. Maar hebt Gij dan niet aan //Uw apostelen gezegd: //Laat de kleinen tot //mij komen, en belet hen niet Mij te nade-//ren!//..,. Ik ben te klein! Maar is dat een //reden? Dus zoudt Gij zelf te vergeefs kind //geworden zijn, als de leeftijd der kinderen //een beletsel is om U aan hen te schenken, //zelfs dan wanneer zij ü vurig beminnen en //naar IJ dorsten?

Men geeft mij Uw gezegde aan een Uwer grootste dienaren 1) tot antwoord; //Groei //op, en gij zult Mij nuttigen! «Cresce et

i) Aan den H. Augustinus.

ocr page 24

18

«mandnca me!// Ach, mijn God en mijn Heer, «maar ik weet ook, welk antwoord de Cha-«naneesche vrouw ü eenmaal gaf: //De kleine //bondekens voeden zich met de broodkrui-//melen gevallen van de tafel hunner meesters.// «Welnu, mijn God, zou ik in mijn onwaar-//digheid ook niet een enkel kruimeltje van «uw goddelijk Brood moge ontvangen? Het //zou volstaan voor uwe kleine dienstmaagd //om den honger te stillen, die haar kwelt. //Geef het mij, o Heer! Geef het mij, o //Koning van mijn hart, toef niet... Gij ziet «het, ik kwijn, ik sterf... Gij hadt medelijden «met de schare die ü volgde, schoon het «eerst de derde dag was, en Gij wildet haar «niet zonder voedsel wegzenden, uit vrees dat «zij onder weg zou bezwijken. Toen werktet «Gij een nieuw wonder om haar te verzadi-«gen. En Gij zoudt geen mededoogen gevoe-«len met een arm kind, dat U geheel en al «toebehoort? Ach, zij volgt U al zoolang, «brandend van verlangen, en als verteerd, om «aan üwe Heilige Tafel te mogen aanzitten.// «Met milde hand stort Gij Uw weldaden «over de schepping uit. Elkeen verwacht van «U zijn voedsel, en Gij geeft het ook terge-«legener ure. Gij opent Uwe hand, en alle «wezen ontvangt overvloedig Uwe zegeningen. «Zelfs den jongen van den raaf, weigert Gij //geen voedsel. En mij zoudt Gij laten ster-

ocr page 25

19

«ven van honger!... Onmogelijk! Dat strijdt /'geheel en al met Uwe goedheid. Neen, Gij «hebt beloofd alles toe te staan aan het vol-//liardend, vertrouwvol gebed. Gij zult mij wheden niets weigeren. Schenk mij dit brood, //waar mijn ziel naar hunkert, of laat mij //sterven, want ik word gedrongen mij met //U te vereenigen. Mag het niet in de Heilige //Communie zijn, zij het dan door den dood. //Kom dan! Kom dan, mijn Jesus! of wel //geef mij de vleugelen eener duif om op te //stijgen, en voor eeuwig aan Uw hart te gaan //rusten.quot;

Zoo klaagde het heilige kind haar wee. Zij smeekte om één van deze twee gunsten: zij ontving ze beide.

Nog vloeiden hare tranen in breede stroomen, nog stegen hare vurige verzuchtingep tot haren Jesus omhoog. Dan, eensklaps ontwaart zij — ach! zou het een droom wezen? maar neen, het is werkelijkheid — eensklaps ontwaart zij eene heilige Hostie, die zich verheft uit de Ciborie, welke de priester in de hand houdt. Het Heilige Brood beweegt zich, en komt als door een onzichtbare engelenhand gedragen, in hare richting nader en nader, de traliën der kapel door, de overige zusters voorbij, tot in de onmiddelijke nabijheid van Imelda, waar het zonder steun-vóór het verrukte kind, ter hoogte van haar voor-

ocr page 26

20

hoofd, blijft zweven. Haar medezusters zijn als aan den grond genageld, kunnen hare oogen niet gelooven. Maar zinsbegoocheling is niet mogelijk; het wonder geschiedt daar wezenlijk, blijft voortduren. Een hemelsch licht schittert luisterrijk in het rond, zoete geuren verspreiden zich door de geheele kloosterkerk: de God van het heilig Altaargeheim heft een tipje van den sluier op, die zijn grootheid verbergt.

En Imelda? Zij heeft verwonnen. Toch vreest zij nog. Nu eens is zij verrukt van vreugde haren Bruidegom zoo dicht bij zich te zien, dan weer beklemt treurigheid haar hart zich niet met Hem te mogen vereenigen. In stille aanbidding ligt zij daar neergeknield, meer een engel dan een mensch gelijk. Eindelijk ! eindelijk ! Haar wensch wordt vervuld. De priester, van de eerste verwondering bekomen, treedt met eerbiedigen schroom nader. Hij begrijpt dit onmisduidbare teeken van Gods H. Wil, en, na de Heilige Hostie op de pateen genomen te hebben, geeft hij haar aan het overgelukkige kind ter nuttiging.

III.

Imelda's wensch is alzoo vervuld.

Dan, haar tenger lichaam schijnt de ver-

ocr page 27

21

rukking barer vreugde niet te kunen verdragen. In diepe beschouwing verslonden, zÜot zij ineen. Zoo knakt ook de roos, wanneer de dauw des hemels baar overvloedig drenkt, en zij niet bij machte is dat gewicht te torschen. Haar handen rusten gekruist op het hart. Haar oogen zijn geheel gesloten; zij schijnt als in een zoeten sluimer. O, wat moeten de oogenbiikken in deze heilige liefdevervoering doorgebracht, snel voorbij spoeden! Om haar bleeke, half gesloten lippen speelt een hemelsohe glimlach; zij bewegen zich schier onmerkbaar; het is alsof men haar de woorden van de Bruid uit het Hooglied hoort lispelen: ,/Mijn Welbeminde is aan mij, en ik aan Hem, Hij heeft mij in zijne wijnkelders gebracht, en daar dronken gemaakt van liefde. Ik heb Hem gevonden, dien mijn hart bemint. Ik heb Hem gevonden, ik houd Hem omkneld, en laat Hem niet meer gaan.//

Een lunge, lange wijle, meenen de zusters, duurt haar verrukking voort. In stille bewondering blijven zij op het bevoorrecht kind staren, niet moede haar te beschouwen, en keer op keer aan te zien. Uit den grond van hun hart prijzen zij den Almachtige, //wijl Hij zoo gued is, en zijn barmhartigheid heeft uitgestrekt van eeuw tot eeuw.// 1)

i) Ps, GXVII. I.

ocr page 28

22

Doch de getijden zijn reeds gelezen, en immer blijft het hemelsch gezicht van Imelda aanhouden. Nog altoos ligt zij daar zonder eenige beweging neer. De zusters worden ongerust. Men roept haar bij haren naam. Men bidt, smeekt, beveelt haar zelfs uit ge-loorzaamheid op te staan. Alles te vergeefs.

immer zoo gewillig, zoo voorkomend, zoo tipt om te gehoorzamen, weigert thans te uisteren. Wat toch mag de reden zijn?

Zij heeft de stem harer medezusters en het level van haar overste niet gehoord... Men )eurt haar op... Zij is dood! Een te vurige erzuchting heeft haar jeugdig hart gebroken. Zij had te innig gesmaakt wat het zeggen il met Jesus gedurende eenige oogenblik-en in de H. Communie vereenigd te zijn; aar ziel had te sterk gesmacht, zoo in alle euwigheid met haren Welbeminde verbonen te worden, dan dat het brooze lichaam ■ nog weerhouden kon. Met de vlucht ener duif rukte zij zich los en fnelde tot cm. Zij was gestorven. Gestorven op twaalf-rigen leeftijd! Gestorven uit liefde, en uit efde tot haren God! Gestorven op den dag, i het uur harer eerste Heilige Communie! gelukkig, duizendwerf gelukkig kind! Het was de dag, zeiden wij, van de Hemel-art Onzes Heeren. Ook de reine ziel van nelda sloot zich aan bij de schare, die op

ocr page 29

23

dien dag met hun Koning en Zaligmaker liet geluk des hemels voor immer gingen genieten. De Engelen, in wier koren zij voortaan zou opgenomen worden, snelden haar te ge-moet en verwelkomden haar op feestlijken toon.

I/ Wie is zij, zoo klonk hun reizang, nwie is zij, die zich daar zacht verheft ran uit de 'woestijn, als een lichte wolk? Zij komt nader, schoon als het aanbreken van den dageraad. Zij is zacht en liefelijk als de maan, en stralend als de zon... JTie is zij, die zich daar uit de woestijn verheft, leunend op haren Welbeminde ?u

En een tweede rei Engelen juichte de eerste tegen; n liet is Imelda, onze kleine zuster! nKom, beminnelijk kind, zoo dierbaar aan Jesus' nIIart, rein als een duive, zoet als de honig, uquasi mei data, en als honig ons gegeven! Kom, uonze lieve zuster, kom! ontvang de kroon, die u uvan alle eeuwigheid is weggelegd.'u

Even als Maria, de Allerheiligste Moeder van God, had ook Imelda haren geest gegeven in een te sterke uiting van liefde. Want de liefde heeft even goed haar slachtoffers als de dood. De liefde is sterker dan de dood.

«Ach, hoe is het mogelijk, dat wij zoo vaak Jesus in ons hart ontvangen, en 's minstens niet voor de wereld sterven!//

ocr page 30

2é IV.

il

Ten jare 1566 verlieten de Dominicanessen haar klooster van Valdipietra, en vestigden zich binnen de stad Bologne. In deze kerk rust thans het stoffelijk overschot der zalige Imelda Lambertini. Een der leden van haar aanzienlijk geslacht. Kardinaal Lambertini, welke eerlang als Benedictus XIV op roemvolle wijze Gods Heilige Kerk zou bestierei schonk als aartsbisschop dezer stad mild-giften tot verbouwing en verfraaiing van dit heiligdom. Ter eere van het heilig kind, zijne' bloedverwante, richtte hij er een kapel met en-altaar op. In lateren tijd hebben andere eden dezer familie, tot vereering van Imelda's agedachtenis, het wonder van haar dood in aar grafzerk doen houwen, naar het verhaal, at Michel ' Pio, en andere tijdgenooten er ns van hebben meegedeeld.

Paus Leo XII keurde de nooit onderbro-en, door veel hemelsche gunsten bevestigde ereering der Gelukzalige Imelda goed, en ond de geheele Orde der Predikheeren toe e H. Mis met het kerkelijk Officie ter Harer r te lezen. Haar feestdag wordt gevierd en 16deii September.

ocr page 31

e priester bestijgt het altaar geheel in geheimzinnig gewaad om ons te overtuigen, dat hij daar geen gewoon mensch meer is, ^aar een plaatsbekleeder van Jesus en der H. Kerk. tun zuiverheid drukt hij uit door het wit van den amict en der albe, de bewaking zijner zinnen door ixet cingel en manipel, de leer der waarheid, de leefde en den ijver door het kasuifel en de stool. Zelfs de kleur van dit gewaad heeft haar beteekenis; wit beduidt de zuiverheid, groen de hoop, rood het geloof en de liefde, zwart en paars de boetvaardigheid. Trachten wij ons van onszelven te ontdoen, nu wij ons naar het altaar begeven; bekleeden wij ons met Jesus Christus, met Zijn zuiverheid, ingetogen eerbied, wijsheid, versterving en vurige liefde.

In den Naam des Vaders, en des Zoons, en des H. Geestes, Amen.

De Priester doordrongen van de onbegrijpelijke verhevenheid dezer Geheimen en zijn eigen onwaar-

ij Reeds meermalen vernamen wij, dat er behoefte gevoeld werd aan een stichtende Mis der H. Maagd. Daar gt; dit boekje toch tot aanvulling gebeden onder de H. quot; Mis vereischte, meenden wij zeer goed te dóbn, door er de zoogenaamde Rozenkrans-Mis, met verklaringen van den H. Thomas, in op te nemen.

2

ocr page 32

26

digheid, wekt zijn moed en vertrouwen op dooide beschouwing van Gods onuitsprekelijke goedheid, door de belijdenis zijner zonden en de bede om erbarming. De geloovige tracht zooveel mogelijk door den misbedienaar in die gevoelens te deelen.

CONFITEOE.

0 Jesus, die voor mijne zonden in den hof der Olijven bedroefd waart tot den dood, niet Gij, maar ik had voor die zonden moeten boeten. Ik belijd daarom voor den Almachtigen God, voor de H. Maagd Maria, en voor alle Heiligen, dat ik zeer gezondigd heb, door gedachten, woorden en werken. Voor die zonden, o goede Jesus, zie ik U hier lijden en Uw maagdelijk Lichaam door den drukkenden last mijner ongerechtigheden met een bloedig zweet overdekt. Ach, schenk mij een oprecht berouw over die zonden; heb medelijden met mij, en wil ze mij vergeven door de voorbede van alle Heiligen; doch vooral door die Uwer lieve Moeder, de Koningin van den H. Rozenkrans. Amen.

INTROÏTUS.

Na het kruisteeken begeeft zich de Priester als in heilige vrees, eerst na de linkerzijde van het altaar, waar hij het Introïtus leest. Dit is steeds genomen uit de H. Schrift, en bevat eene lofprijzing van den Heilige, wiens feest men viert, of de voorstelling van het Geheim van den dag, om ons op te wekken tot vertrouwen en heilige blijdschap.

Gegroet, Gij heilige wortel, waaruit de

ocr page 33

Heilige ontsproot! Gegroet, Gij roem der wereld, o Maria, bloeiend, gelijk een roos of lelie, te midden der maagden, smeek voor ons Uwen dierbaren Zoon. Begenadigd is Zij, boven de begenadigde, de reine en heilige Vrouwe. Glorie zij den Vader, enz. Gegroet, Gij roem der wereld, enz.

KYRYË.

Het Kyrie . is een driemaal herhaalde aanroeping der H. Drievuldigheid. Dit gebed verricht de Kerk in het Grieksch, omdat zij het niet heeft willen veranderen, toen de Westersche Kerk het aannam, en tevens om haar uitgebreidheid over de geheele aarde te kennen te geven, wijl zij alle volken en alle talen omvat.

Ontferm U onzer, hemelsclie Vader, dooide voorspraak van Maria, Uwe uitverkoren Dochter.

Ontferm U onzer. Heer Jesus Christus, ter wille van Maria, uwe lieve Moeder.

Ontferm U, o Heilige Geest, om Maria, Uwe onbevlekte Bruid.

Maria, Koningin van den Allerheiligsten Rozenkrans, bid voor ons.

GLORIA.

De aarde moet met den hemel instemmen om de Geboorte te vieren van den Zaligmaker, die iederen dag op onze altaren sacramenteel geschiedt, om den vrede, de liefde, de vereering Gods, de liefde tot het kruis en alle. meerdere uitwerkselen voort te brengen.

ocr page 34

28

welke zijn liehamelijke Geboorte heeft geschonken. Vereenigen wij ons met het gebed der Kerk;

Glorie aan God in den allerhoogsten, en vrede op aarde den menschen van goeden wille. Wij loven ü; wij prijzen U; wij aanbidden ü; wij verheerlijken U; wij danken ü om Uwe groote glorie. Heer God, Hemel-sclie Koning. God Almachtige Vader. Heer, Jesus Christus, eengeboren Zoon. Heer God, Lam Gods, Zoon des Vaders, Die wegneemt de zonde der wereld, ontferm ü onzer. Die wegneemt de zonden der wereld, neem onze smeekingen aan. Die aan de rechterhand des Vaders gezeten zijt, ontferm ü onzer. Want Gij zijt alleen de Heilige, Gij alleen de Heer, Gij alleen de Allerhoogste, Jesus Christus, met den H. Geest, in de glorie van God den Vader. Amen.

COIJ.ECÏK.

In dit gebod vereenigt de Priester alle verlangens der geloovigen in de kerk aanwezig, of in den geest tegenwoordig, en biedt ze beknopt en geheel samengevat aan God. Het woord amen, door den misdienaar uit hun naam gesproken, zegt dat 'zij thans instemming betuigen met die bede, en al de gevraagde gunsten van ganseher harte begeeren. Dit gebed wordt voorafgegaan door den groet van Booz aan zijn maaiers op het veld: „De Heer zij met uquot; welke nog zevenmaal zal worden herhaald. Waar de Heer is, is alle genade en rijkdom, vrede en vreugde, en

ocr page 35

39

bidt men met meer godsvrucht, met meer overtuiging tevens van stellig verhoord te worden.

Almogende en barmhartige God, die van eeuwigheid hebt verordend, dat Uw eenig-geborene, in natuur gelijke, en mcdezelfstan-dige Zoon, door den Geest van heiligmaking, in het vleesch onze Heer Jesus Christus zou zijn, en de allerheiligste en boven alles welgevallige Maagd Maria Hem vóór alle eeuwen tot Moeder hebt verkoren; geef ons, smeeken wij U, door beider verdiensten, in de vijftien Geheimen van den allerheiligsten Rozenkrans verworven, ons zoozeer aan hun te mogen toewijden in dit leven, dat wij ook in de glorie van het eeuwige leven daarvan zonder ophouden genieten. Door denzelfden Heer Jesus Christus enz.

EPISTEL.

Het epistel, zoowel als het Evangelie en de Credo, is een openbare belijdenis van ons geloof. Bij den plechtigen H. Dienst wordt het gelezen door den subdiaken, omdat de lezing uit de Propheten en de Apostelen ons nog niet volmaakt onderricht zooals het Evangelie, dat Christus' leer onmiddelijk voorstelt, maar er ons toe voorbereid en geschikt maakt.

Ik ben de bloem des velds en de lelie dei-dalen. Als de lelie tussehen de doornen, zoo is mijne vriendin onder de dochteren. Uwe lippen zijn één druppelende honigraat: honig

ocr page 36

30

en melk vloeit onder uw tong en de geur uwer kleederen is als de geur van wierook. Gij zijt een besloten tuin, mijne zuster, mijne bruid; een besloten tuin, een verzegelde fontein. Uwe scheuten zijn een paradijs van granaatboomen, met granaten beladen. Als de wijnstok heb ik een zoeten geur van mij gegeven, en mijne bloemen zijn de vruchten mijner verhevenheid en reinheid. Ik ben de moeder der schoone liefde, der vreeze Gods, der wijsheid en der heilige hope. In mij is alle genade van leven en waarheid, bij mij alle hoop op leven en kracht. Komt dan tot mij, gij allen, die mij lief hebt, laat u met mijne zegeningeii overladen. Want mijngeest is zoeter dan honig, en mijn erfdeel gaat honig en honigraat te boven.

R. Mijn welbeminde is aan mij en ik aan Hem; onder de leliën verwijlt Hij tot de dag aanbreekt en de schaduwen verdwijnen.

v. Als de lente sierden Haar bloeiende rozen en de leliën der dalen.

Alleluia, Alleluia! De stam van Jesse heeft gebloeid, eene Maagd heeft den Godmensch gebaard; en door het hoogste met het geringste te vereenigen heeft God ons den vrede hergeven. Alleluia!

Tan Septuagesima tot Paschen. Verblijd u, o Maagd Maria, die alleen alle ketterijen hebt

ocr page 37

31

verwonnen, en het woord van den Aartsengel Gabriel hebt geloofd.

Bij liet baren van den Godmensch, hebt Gij Uwe maagdelijkheid niet verloren, enana Zijne geboorte zijt Gij de onbevlekte Maagd gebleven. Moeder Gods, wees onze voorspraak.

In den Paaichtijd. Alleluja, Alleluia! De Heer is verrezen. Hij is aan de vrouwen verschenen, zeggende: Weest gegroet. Toen kwamen zij nader en omhelsden Zijne voeten. Alleluia!

In den Hemelvaartstijd. Alleluia, Alleluia! Christus heeft in Zijn hemelvaart onze gevangenschap gevankelijk met zich medegevoerd; Zijn gaven heeft Hij uitgestort over het menschdom. Alleluia!

HET HEILIG EVANGELIE VOLGENS DEN H. LUCAS.

Bij het Evangelie gaat men staan om te doen zien, dat men het wil hoeren met volkomen onderwerping en er al de verplichtingen van na wil komen. Daarom houdt ook de Priester de handen samengeslagen op het gewijde boek, aldus in naam van alle geloo-vigen den Zaligmaker eerende, en teekent vooraf zijn voorhoofd, mond en borst met het H. Kruis. Hij heeft zich thans van de linker naar de rechterzijde des altaars begeven, waardoor beduid is, dat wij van de onvolkomen leer des Ouden Testaments tot de volmaaktheid zijn gekomen van het nieuwe leven, en dat wij door Jesus Christus zijn gescheiden geworden van de bokken en aai\ de rechterhand Gods geplaatst. ^

In dien tijde doorreisde Jesus steden en

ocr page 38

32

dorpen, en predikte en verkondigde het rijk Gods. En de twaalf waren met Hem: ook eenige vrouwen, die van booze geesten en ziekten genezen waren: Maria, genaamd Mag-dalena, van welke zeven booze geesten waren mtgegaan, en Joanna de huisvrouw van Chusas, de hofmeester van Herödes en Susanna en vele anderen, die Hem bijstonden met haar vermogen. Toen er nu eene groote schare bijeenkwam en men uit al de steden naar Hem henenkwam, sprak Hij in eene gelijkenis; Een zaaier ging uit om zaad te zaaien. En terwijl hij zaaide, viel een deel langs den weg, en het werd vertreden, en de vogelen des hemels aten het op. En een aiider deel viel op de rots, en opgeschoten zijnde verdorde het, door dien het geen vochtigheid had. En een ander deel viel onder de doornen, en de doornen schoten mede op, en verstikten het. En een ander deel viel in de goede aarde, en het kwam op, en bracht honderdvoudige vruchten voort. Dit zeggende riep Hij: die ooren heeft om te hooren, hij hoore. Zijne leerlingen nu vroegen Hem, welke deze gelijkenis was. En Hij zeide tot hen: U is 't gegeven de verborgenheid van het rijk Gods te kennen. Doch de overigen slechts in gelijkenissen, opdat zij ziende niet zien en hooren de niet verstaan.

ocr page 39

33

CREDO.

Het Symbolum, zegt de H. Augustinus, is een beknopte en verheven regel voor ons geloof: beknopt wat het getal der woorden aangaat, verheven door den allergewichtigsten zin. Bid hier de twaalf artikelen des geloofs, en zegt met den H. Franciscus van Sales:

O God, de schoonheid van mijn Geloof verrukt mij zoozeer, dat ik sterf van liefde. Ach, ik gevoel mij gedrongen het als een kostbaar geschenk te bewaren in mijn hart, maar in een hart, dat geheel geurt van heilige godsvrucht. Dank, mijn Heer, voor het goddelijke licht, dat stralen van barmhartigheid in mijn hart doet schitteren, om mij het grootsche en zoete van het Geloof klaarder en 'duidelijker te doen erkennen.

BIJ DE OFFERANDE.

Wees gegroet, Hemelkoninginne, Moeder van den Koning der Engelen; o Maria, bloeiend als een roos of lelie te midden der Maagden, bid Uwen dierbaren Zoon voor het heil der geloovigen. Alleluia.

Hierna neemt de Priester de hostie op de 'pateen om haar als offergave, welke straks zal veranderd worden in Christus' lichaam, reeds nu den Hemelschen Vader aan te bieden. Zij bestaat uit ongedeesemde tarwe, om voor te stellen, dat Jesus' Lichaam zonder eenig bederf ontvangen is. Vervolgens wordt de kelk ten deele gevuld met wijn, geperst tot een geheel uit vele druiven, gelijk het brood bestaat uit

2*

ocr page 40

34

vele graankorrels. Dit beteekent, hoe de vele leden der Kerk, die één lichaam uitmaken, worden opgedragen aan God en veranderd in Jesus Christus. Evenals deze wijn licht de druppel water veranderd in zijn natuur, zoo gaan ook wij, zwakken en wankelen, op in de kracht van Jesus.

GEBED.

treef ons, smeeken wij ü, •barmhartige God dat wij allen, die in de broederschap van den Rozenkrans der Moeder Gods Maria, haren eenigen Zoon ter eere, zijn ingeschreven, U, dooi onze volmaakte en volkomene toewijding van lichaam en ziel mogen behagen, opdat wij door in dézen tijd trouw onze beloften te vervullen, op Uwe voorbede tot de eeuwige belooning mogen geraken. Door denzelfden Jesus Christus, onzen Heer.

BIJ DE PREFATIE,

Het goddelijk oogenblik van het eigentlijke Offer nadert al meer en meer. Het tweede, hét voornaamste deel der H. Mis, begint. In opgetogen vreugde over het groote Wonder van liefde, dat gewrocht zal worden, zet de Priester dit gedeelte in door zijn dank uit te jubelen, na ons allen vooraf te hebben uitgenoodigd onze harten van al het aardsche te ontheffen tot God, en ons met hem te vereenigen. Die dank moeten wij brengen door Hem, door wien ons dit alles gewordt, door Jesus Christus.

Waarlijk, het is een waardige, rechtvaardige, billijke en heilzame daad, dat wij ü, o God, altijd en overal lofzingen, zegenen en verheerlijken, bij de vereering van den aller-

ocr page 41

35

lieiligsten Rozenkrans der altijd zalige Maagd Maria die door de overlommering des H. Geestes Uwen eenigen Zoon heeft ontvangen, en met behoud Harer maagdelijke glorie, Jesus Christus, onzen Heer, het eeuwige licht aan de wereld geschonken heeft; Hem door Wien de Engelen Uwe Majesteit loven, de Heerschappijen ü aanbidden, de Machten U dienen, de Hemelen en de Krachten des Hemels ü bezingen in vereeniging met de Seraphijnen. Met hen vereenigen ook wij onze stemmen en roepen U eerbiedig en nederig toe:

Heilig, heilig, heilig is de God der Heerkrachten ! Hemel en aarde zijn vol van Zijne Majesteit! Gezegend Hij, die weldra komen zal onder dit nederige brood!

BIJ DEN CANON.

Het offer, dat de Zaligmaker zal brengen do'or zijn grootheid en majesteit onder de nietige gedaante van Brood en Wijn te verbergen is niet alleen een voldoende dankzegging aan den hemelschen Vader, wiens hart door zulk een eerbewijzing geheel geneigd wordt zich met den mensch te verzoenen, maar moet tevens een schat van hemelsche zegeningen over ons doen nederdalen. Vraag nu, in vereeniging met de H. Kerk, voorziening in al uw behoeften; het is, na de H. Communie, het gunstigste oogenblik van den dag.

Wij smeeken U, o oneindig barmhartige Vader, door Jesus Christus, Uwen Zoon, onzen Heer, met welgevallen neer te zien en

ocr page 42

36

het Offer tc zegenen, dat wij U aanbieden; opdat het ü behage Uwe Kerk te bewaren, te beschermen en te bestnren, met al hare leden, den Paus, de Bisschoppen en allen die ons heilig Geloof belijden.

Bewaar in Uwe liefde ons en al de onzen door de voorspraak van Maria, de Koningin van den H. Rozenkrans, van de heilige Apostelen Petrus en Paulus en alle Heiligen; bevrijd onze ouders, bloedverwanten, vrienden en weldoeners van alle rampen naar ziel en lichaam; schenk ons Uwen vrede en verlos ons van alle zichtbare en onzichtbare vijanden onzer zaligheid. Geef mij inzonderheid de gunst.....

Gewaardig U, bidden wij o God, deze offergaven van brood en wijn geheel te zegenen, haar volgens de voorschriften te doen zijn, te bekrachtigen, te bezielen en U welgevallig te maken, zoodat zij voor ons worden het Lichaam en Bloed van Uwen veelgeliefden Zoon, Jesus Christus, onzen Heer.

WJ DE CONSECRATIE.

Het oogenblik is daar, waarop de Kruisdood van den Schepper des heeials herhaald zal worden. Wat er geschied is op Golgotha, geschiedt thans op het altaar. Voer u dan voor den geest, o mijn ziel, wat al martelingen uwen Jesus hebben doen sterven, en laat op het gezicht van dit vergoten bloed u het hart ontgloeien van liefde. Schrei tranen van medelijden over zooveel smarten, en van leedwezen over

ocr page 43

37

uwe zonden en de zonden der wereld. Werp u in ootmoed neder voor uwen God, en terwijl de Priester u de H. Hostie en den Kelk ter aanbidding opheft, groet met de H. Kerk het Offer van oneindige waarde:

Wees gegroet, Heilig Lichaam, geboren uit de zuivere Maagd Maria en voor ons geslachtofferd op het kruis. Ik geloof en belijd vas-telijk, dat dit het zelfde Lichaam is, uit welks doorstoken zijde wonderbaar water en bloed is gevloeid. 0 Goddelijk Lichaam, wees mij in het uur des doods de voorsmaak van hetgeen ik in den hemel genieten zal. Wees mijn kracht, mijn troost en mijn voedsel in dit dal van tranen.

Wees gegroet, o Heilig Bloed, vergoten voor het heil der wereld. Wasch mijne zouden af; wees mijne lafenis in dit leven, op de reis naar mijn eeuwigheid.

NA DB CONSECRATIE.

God, onze bescherming, zie neer op dit heilig offer. Ziehier het ware Lam zonder vlek der oude wet, het Lam voor onze zonden en die der geheele wereld geslacht. Ziehier üw welbeminde Zcon, waarin Gij Uw welbehagen genomen hebt. Beschouw Zijn wonden, en geheel Zijn lijden voor ons. Zie,/ hoezeer Hij ons bemind heeft. Beschouw het! aanschijn van Uwen Gezalfde. Neen, waarlijk,1 Gij kunt ons geen vergeving weigeren, want

ocr page 44

38

Hij heeft onze zwakheden gedragen, en heeft onze smarten op zich genomen. Bewaar mij gedurende dit leven in Uwen vrede, behoed mij van de eeuwige verwerping, en doe mij deelen in het geluk Uwer Heiligen.

O Maria, hoogverheven Rozenkrans-Koningin, hoe groot was uw liefde voor de menschen, toen Gij onder het kruis, uwen lieven Zoon hebt opgeofferd. Gij wist, lieve Moeder, dat Zijn dood ons het leven zou geven. Voltooi het werk uwer liefde, o H. Maagd, en bid in deze oogenblikken dat onbevlekte Offerlam, dat het mij en allen tot zaligheid strekke.

Wees ook onze broeders en zusters gedaoh-tife, rli° nog in liet vagevuur vertoeven. Zie met medelijden op hen neer en verlos hen van alle pijnen; opdat zij U en uwen lieven Zoon in de hemelsche heerlijkheid mogen aanschouwen. Vooral beveel ik uwe barmhartigheid die zielen aan, voor welke ik verplicht

ben te bidden, voornamelijk..... Zij hebben in

hun leven U zoo dikwijls begroet als de Deur des Hemels, wees hen thans in werkelijkheid de deur, waardoor zij het Paradijs binnengaan. Amen.

PATER NOSTER.

De heilige handeling is nu bijna voltooid. Het derde en laatste gedeelte vangt aan: het Paaschlam, na geslacht te zijn, werd door de Joden bij den uit-

ocr page 45

39

tocht uit Egypte genuttigd. Nu het Paasehlam der, Nieuwe Wet, van oneindig hooger waarde, Jesus Christus geslacht is om ons uit de macht der zonde te bevrijden, zal ook Hij genuttigd worden om ons te sterken op den tocht door het leven. Bereiden wij, die Hem met den Priester geofferd hebben, ons ook met deze voor om Hem, zoo niet in werkelijkheid,, dan toch geestelijker wijze te ontvangen, door het voortreffelijkste aller gebeden, het

PATER NOSTEB.....

v. En leid ons niet in bekoring,

ii. Maar verlos ons van alle kwaad. Amen. Bevrijd ons, o Heer, van alle kwaad, van de straffen der zonde, van alle tegenwoordige en toekomende rampen; en scheuk ons door de voorspraak van de glorievolle, altijd maagdelijke Moeder Gods, Maria, de Koningin van den H. Rozenkrans, van de heilige Apostelen Petrus en Paiüns en van alle Heiligen Uwen vrede; opdat wij, door Uwe barmhartigheid geholpen van zonde vrij, en van alle onrust behoed blijven. Door denzelfden Jesus Christus, onzen Heer, die met U leeft en heerscht in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

AGNUS DEI.

Na het goddelijk Lichaam van den Heer in drie deelen te hebben gebroken, legt de Priester een dezer deelen in het Heilig Bloed. Dat breken is de levendige voorstelling van het gruwzaam geweld, datjesus werd aangedaan in Zijn dood op Calvarie, terwijl de drie deelen ons de drie verschillende deelen van zijn

ocr page 46

40

geheimzinnig Lichaam voor den geest roepen, na-mentlijk, de lijdende, de strijdende en triumfeerende Kerk. Is Jesus Bloed echter in de kruisiging, en heden eenigszins ook op het altaar gescheiden van zijn Lichaam, de glorievolle opstanding heeft beide weder voor eeuwig vereenigd. Dit veraanschouwelijkt ons het gedeelte der H. Hostie in het H. Bloed gelegd.

GEBED.

Geef ons, o God, dat deze vereen iging van het Lichaam en Bloed onzes Heeren, Jesus Christus, ons, die dit Brood zullen eten, en dezen Kelk zullen drinken, strekke ten eeuwigen leven. Sla geen acht op onze zonden, maar op het geloof Uwer Kerk. Zuiver mij meer en meer door dit H. Sacrament van mijne boosheden, laat mij Uw geboden getrouw aanhangen, en nooit van U gescheiden worden.

Heer, ik ben niet waardig, dat Gij komt onder mijn dak, doch spreek slechts één woord, en mijn ziel zal gezond worden.

Na deze woorden tot drie malen herhaald, en in het volle bewustzijn van uw zonden en onvolmaaktheden telkens op uw borst te hebben geklopt, communiceert men geestelijker wijze:

BIJ BE NUTTIGING.

Mijn Jesus, Gij, Zoon van den levenden God, vast en zonder eenigen twijfel geloof ik, dat Gij hier in het Allerheilist Sacrament wezenlijk en waarachtig tegenwoordig zijt. Ik aanbid U als mijn Heer en mijn God. Mijn

ocr page 47

41

Jesus, eenige hoop mijner ziel, al mijn vertrouwen stel ik in Uw liefde, goedheid en barmhartigheid, en ik hoop vast, van ü alle genade te verkrijgen, om heilig te leven en zalig te sterven, ü bemin ik, mijn God en mijn alles; maar toch wensch ik U nog veel vuriger te beminnen, zooals de Heiligen, de Engelen en de Heilige Maagd U liefhebben. Gij zijt het eenig voorwerp mijner liefde, mijner begeerten en verlangens. Naar TJ hongert mijn ziel. O kom mij bezoeken en neem mijn hart in bezit. Kom en geef mijne arme ziel het Brood des Levens; geef haar het levend water, dat ontspringt ten eeuwigen leven. O kom mijn Jesus, neem bij mij Uwen blijvenden intrek. Trek mij tot U; vereenig U met mij. Zonder U kan mijn ziel niet leven. Kom en maak mij levend; kom en red mij van den dood. Kom en maak mij zalig. O Jesus, mijn Schat en mijne Liefde, wond en ontsteek mijn hart, opdat het alleen voor U gloeie en U alleen beminne. Amen.

NA DE H. COMMUNIE.

Ue Goddelijke Zaligmaker stond niet op van het vieren des avondmaals zonder een danklied tot God aan te heffen. Ook wij moeten onze erkenning levendig betuigen en instemmen met den Priester bij

DE POST-COMMUNIE.

O! wat zijt Gij liefelijk en schoon in de

ocr page 48

i2

zoete vreugde uwer maagdelijkheid. Heilige Moeder van mijn God. De dochters van Sion zagen U in lentedos te midden der bloeiende rozen en leliën der dalen; daarom hebben zij faljg geprezen en de koninginnen Uwen lot bezongen. (Alleluia).

GEBED.

Sla, o almachtige God, een goedgunstig oog oj) ons allo i, die de eerbiedwaardige Geheimen van den Rozenkrans vieren, door Uwe, in U geloovendp Kerk ingesteld, ter eere van Maria Moeder Gods en altijd Maagd, opdat Gij aan allen, die op U betrouwen, de weldaad van Uwen bijstand schenkt, en wij de kracht der ieheimen en de vrucht der op ons genomen verplichtingen mogen genieten. Door J C onzen Heer. Amen.

BIJ DEN ZEGEN.

De zegen van den Almachtigen God, den Vader, den Zoon en den H. Geest, door de voorspraak van Maria, de Koningin van den allerh. Rozenkrans, dale over ons neer en bhjve immer met ons. Amen.

SLUIÏGEBED.

Ontvang, o Heilige Drievuldigheid, met welgevallen de hulde mijner onafhankelijkheid, en stel behagen in het Offer, door ons voor Uw

ocr page 49

43

aanschijn onwaardig gebracht. Verleen ons, en allen, voor wie wij het hebben opgedragen, barmhartig verzoening onzer zonden. Door Christus, onzen Heer. Amen.

God van goedheid, ik dank ü, dat ik dit Heilig Misoffer heb kunnen bijwonen. Vergeef mij mijne lauwheid 'en verstrooidheid, en geef mij nimmer de vruchten van dit H. Offer te verliezen.

Koningin van den H. Rozenkrans, die de genade van God ontvangen, steeds zorgvuldig bewaard en er getrouw aan hebt beantwoord, verkrijg dat dit H. Offer niet te vergeefs voor mij gebracht zij; maar mij sterkte geven om voortaan de verplichtingen van mijn staat te betrachten en altijd met U en Jesus, Uwen Zoon, vereenigd te blijven.

SALVE BEGINA.

' Wees gegroet, o Koningin, Moeder van barmhartigheid! Ons leven, onze zoetheid en onze hoop, wees gegroet ! Tot ü roepen wij, ballingen, kinderen van Eva! Tot ü smeeken wij, zuchtend en weenend in dit dal van tranen. Daarom dan onze Voorspreekster, ach! sla op ons Uwe zoo barmhartige oogen. En toon ons na deze ballingschap, Jesns, de gezegende vrucht Üws lichaams. O goedertierene, o meedoogende, o zoete Maagd Maria!

ocr page 50

44

v. Bid voor ons, H. Moeder Gods. b. Opdut wij waardig worden de beloften van Christus.

LATEN WIJ BIDDEN.

O God, onze toevlucht en onze kracht, zie genadig neder op het volk, dat tot U smeekt, en verhoor barmhartig en goedgunstig, door de voorspraak der glorierijke en altijd onbevlekte Maagd en Moeder Gods Maria, van den H. Joseph, haren Bruidegom, van de H. Apostelen Petrus en Paulus en alle Heiligen, de gebeden, die wij storten voor de bekeering der zondaren, voor de vryheid en de verheffing onzer Moeder de H. Kerk. Door Christus, onzen Heer. Amen.

H. Aartsengel Michaël, verdedig ons in den stryd. Wees onze bescherming tegen de boosheid en listen des duivels. God gebiede hem, smeeken wij ootmoedig; en Gij, Vorst der hemelsche legermacht, drijf satan en alle andere booze geesten, die tot verderf der zielen over de wereld rondgaan, door de goddelijke kracht in de hel terug. Amen.

Mocht er tusschen de verschillende dealen der H. Mis eemge tijd overig zijn, dan houde men zich godvruchtig bezig met het volgende

ocr page 51

45

tiEREU ONDER 1gt;E H. MIS

van den Eerh. Ludomcus rem Grenada.

O opperste Heer van alle dingen. Schepper van hemel en aarde, ofschoon de ellendigste en onwaardigste zondaar, vermeet ik mij toch met geheel Uw Kerk het grootste, het waardigste en het verhevenste van alle offers op te dragen. Ik offer U Uw eenigen Zoon, die zich voor mijn zonden slachtoffert, en U dank brengt voor alle weldaden, die ik ontving. O goedertieren Vorst, beschouw de oneindige waarde van Hem die zich offert, en gedenk hem voor wien Hij zich offert. Immers, Hij is de opperste Heer, dien Gij hebt willen laten sterven voor Zijn slaaf. Hij is de Heer va7i het leven, die voor ons den dood heeft willen ondergaan, stom als een lam, in wreed lijden om onze verlossing.

Ach, zie neer op deze overmaat van liefde en goedheid voor ons! Zie, het eeuwig voorwerp van Uw teeder welbehagen uitgestrekt op het schandhout. Zie zijn Goddelijk Bloed uit Zijn handen en voeten stroomen, en vergeef het kwaad door onze handen misdreven. Zie Zijn Hart met een lans doorboord, en schenk mij door het Bloed aan die wond

ocr page 52

46 :

j

ontstroomd een nieuw leven. Zie die voeten, welke nimmer liet pad der zonde hebben betreden, nu aan nagelen geklonken en leid mij op het pad van Uwe geboden.

O Koning der Koningen, bij den Heilige der Heiligen, bij mijn Verlosser, bezweer ik U, vereenig mij in hart en geest met Hem, daar Hij zich nooit geschaamd heeft zich met mij te vereenigen. Zie dat Hoofd op de borst ^ gezonken; dat veege, mishandelde gelaat, ach, j herkent Gij er Uw Zoon niet in? Heb dan j. medelijden met den slaaf, welken Hij heeft , willen loskoopen door dezen wreeden dood. ^ Zie Zijn Zijde en Zijn met bloed bevlekte j, borst; Zijn Hart ineengekrompen van smarten. Zijn gebroken oogen en doodskleur; Zijn pijnlijk , uitgestrekte armen en voeten. Zijn ontvleesehdo . i schouderen, en wees de ellende van Uw ' onwaardigen dienaar indachtig. Zie al Zijn kwellingen en Zijn dood, en vergeef mij de zonden, waarvoor Hij voldaan heeft.

Almachtige Vader, op dit altaar ziet Gij j.r den trouwen Voorspreker die bij ü onze zaak bepleit; den Opperpriester, die niet door een ander bloed besproeid hoeft te worden, daar Hij het Zijne zoo overvloedig heeft gestort; deu volmaakten Offeraar, die zich zeiven t aan U opdraagt tot een eeuwig geroemde en welbehagelijke Offerande, het onbevlekt Lam, goc dat zweeg onder de hand van den scheerder.

sd

U dé

ocr page 53

47

3eten, lt;lat bespuwd, bespot, geslagen, doorkerf werd,

3bben en toch geen mond tot klagen opende.

i leid O liefdevolle Zaligmaker, waarom wordt | -Oij zoo wreed veroordeeld? Wat is Uw mis-

silige i daad, schuldeloos Lam? O geen andere dan

3r ik ' dat Gij onze boosheden op U genomen hebt;

iem, onze zonden doen U dat alles ondergaan,

met I O liefdevolle Vader, hoe ondoorgrondelijk

)orst zijn Uw wegen! De misdadiger zondigt, en

ach, . de onschuldige voldoet! De booze misdrijft,

dan : en de rechtvaardige boet het uit! De slaaf

eeft verdient straf, en de lieer ondergaat haar!

X)d. O eeniggeboren Zoon van God, waartoe voert

:kte Ü Uwe liefde! Ik heb gezondigd, en Gij

;en, wordt er voor gemarteld! Ik verhef mij in

lijk mijn hoogmoed, en Gij wordt er om ten diep-

idamp; ste vernederd! Ik verzet mij, en zeg de ge-

[Jw hoorzaamheid op. Gij gehoorzaamt tot den

ijn dood, ja, tot den dood des kruises, en onder-

de gaat de doodstraf, die ik door mijn verzet heb verdiend.

ïij O Heer, Koning der glorie, aan Uw kant

ik is er enkel goedheid, aan den mijne enkel

or ondank; bij u slechts heiligheid, bii a. ij slechts

n, zonde. Toch durf ik nog op Uwe bannhartig-

3- heid hopen, eeuwige Vader, door U Jesus

n Christus als Offerande op te dragen. Het is

n het verhevenste en kostbaarste van alle offers,

i. Hij zij mijn middelaar tusschen U en mij.

', Beschouw dan dien goeden Herder, die Zijn

ocr page 54

48

leven geeft voor Zijn schapen, en, om zijnent-wille, werp een blik van ontferming op liet verdoolde schaap, dat Hij op Zijne schouderen naar den schaapstal terugbrengt. Uit louter medelijden hebt Gij Hem mij tot Verlosser en Zaligmaker geschonken, laat Hij nu, bid ik U, mijn kracht, mijn steun en bijstand wezen. Amen.

Ander gebed

van den H.■ Cajetanus van Thienna.

Zie, Heer, uit Uw heiligdom en uit Uwe verhevene hemelwoning neder, en aanschouw deze allerheiligste Hostie, die onze Opperpriester Uw welbeminde Zoon, onze Heer Jesus, U voor de zonden zijner broederan opdraagt: wees ons genadig, en wisch de menigvuldigheid onzer boosheden uit. Zie, de stem van liet Bloed van Jesus, onzen broeder roept tot Ü van het kruishout: verhoor haar. Heer, en laat U verzoenen ; luister toe en schenk erbarming. Vertoef niet, mijn God, om Uwent wil, want men heeft Uwen naam over deze stsd en over Uw volk aangeroepen, handel met ons volgens Uwe barmhartigheid. Door denzelfden Heer Jesus Christus, enz.

ocr page 55

van de U. Theresia.

ij roept zelf, o mijn God ea Heer, den zondaar toe kwijtschelding en vergeving der zonden bij U te komen vragen. Ik verschijn dan ook heden voor U en bid en smeek U mijne zonden te vergeven, mijn hart •er waarachtigen afschuw voor in te boezemen ea oprechte smart er over te doea gevoelea. Verlicht mij om de oaeindige waarde der goederea bij ü te keaaea. Ik heb die goe-derea roekeloos verwaarloosd, het hemelsch erfdeel verworpea voor de eenwigdureade fol-teringen der hel. Ik heb den warea zielevrcde verlorea, welkea de getuigeais vaa eea goed gewetea ea de vertrouwelijke omgang met U verschaft.

Verleea mij, almachtige God, dat ik niut zoozeer hot verlies dier eeuwige goederen betreur, daa wel mijn grove oadankbaarheid jegens U, die de bron van alle goed, de ge-

3

ocr page 56

50

nczing van alle kwalen, mijn hoogste weldoener zijt; van wien ik alles heb, wat ik bezit en hier of hiernamaals ooit bezitten zal. Verleen mij er een groote droefheid over U, de waarheid, de oneindige goedheid zelve, die aller liefde waardig zijt, ooit te hebben beleedigd.

Ja, mijn God, ik treur en ben bedroefd over al mijn ondankbaarheden. Ik verfoei en verzaak de ïonde boven alles, wat eenigszins verfoeielijk is, en neem mij vast voor mij te beteren. Maar daar ik om mijn zwakheid, onwetendheid en boosheid mij zelf wantrouw, stel ik al mijn vertrouwen vast op U. Gij, o mijn God, kunt slaven des duivels herscheppen in kinderen Gods; verricht dit ook in mij heden en voor immer. Amen.

*

OPWEKKING VAN ZICH ZELVEN

van den Gel. llenr. Suso.

Keer thans, o mijn ziel, in u zelve; verdrijf alle gedachten van buiten, en vertoef eenige oogenblikken in stille afzondering. Gij hebt al uw vemogens noodig om de ellende te beschreien, waarin de zonde u geworpen heeft.

Ach rampzalige die ik ben! De hemelsche Vader had mij in waardigheid boven alle schepselen dezer wereld verheven. Hij had

ocr page 57

51

zich met mijne ziel, als eene bruid, willen vereenigen, maar ik heb mij van Hem losgerukt en Hem verlaten. 0 Vader! O liefde! helaas, helaas, wat ben ik diep ongelukkig geworden ! Wat heb ik gedaan ? Wat heb ik roekeloos verspeeld! Ik heb mij zeiven verloren, om U te verliezen. Ik bezit de vriendschap der engelen niet meer; alle geluk heeft voor mij uit; verlaten en ontsierd kwijnt mijn ziel daar voort.

Allen, die voorgaven mij lief te hebben, stelden mij te leur, en zijn nu mijn beulen geworden. Zij hebben mij alles ontnomen door mij de liefde van mijn eenigen waren vriend te ontnemen. Waar zal ik troost vinden! Heel de wereld heeft mij verlaten, want ik verloor mijn Heer en mijn God.

O noodlottig uur, waarop ik viel! Mijn leven werd sinds dien de dood, mijn vreugd droefheid, mijn kracht zwakheid! En toch dat alles wat ik lijden moest, haalt nog niet bij de grootheid van mijn schuld. Mijn grootste pijniging is het verlies van mijn God.

En toch mijn God, hadt Gij mij met zooveel liefde omgeven, met zooveel zachtheid gewaarschuwd, met zooveel minzaamheid behandeld! Maar ondanks dat alles, verachtte ik Uwe genade, en vergat ü! O mijn arm hart, wat zijt gij wreed om nog zulk een misdaad te bedrijven! Gij zijt ongevoelig als eeti

♦ 1

ocr page 58

52

steen, door niet van droefheid te breken! Weleer was mijn ziel de welbeminde bruid van den Koning der glorie; zij verdient nu den naam van slavin zelfs niet meer. Ik schaam mij de oogen ten hemel te heffen, en mijn tong verstomt. O wreede zonde, waar hebt gij mij toe gevoerd? O bedriegelijke wereld, wat zijn uwe slaven ongelukkig! Ik heb het loon van mijn slavernij van U ontvangen: voor iedereen ben ik een voorwerp van afschuw, en ik verfoei mij zeiven.

Kom, Heilige Geest, vervul mijn hart, dat in ü gelooft, en ontsteek in mij, met het licht der kennis van mij zeiven, het vuur Dwer liefde om mijn zonden te verfoeien en oprecht te belijden.

* Onderzoek hier uw geweten niet met te groote angstvalligheid, maar toch ook niet zorgeloos en oppervlakkig. Hecht er voor het minst een gewicht aan als ware het een tijdelijke zaak van eenig belang, en gebruik daartoe den tijd naar gelang van uw staat, beroep en dagelijksch verkeer. Draag zorg, dat gij er niet mede bezig zijt bij do opwekking des priesters, of onder uw acte van berouw, zeker niet voor of na de H. Communie. Tracht ook het getal der dagolijksche zonden te weten, zoo God u sinds uw laatste biecht voor groote zonden behoed heeft, en stel reeds nu bij u zeiven vast, dat het getal dier fouten bij de volgende biecht merkelijk geringer zal zijn.

ocr page 59

53

BIECHTSPIEGEL

voor hen die dikwerf biechten.

Heb ik mij in mijn voorgaande biecht behoorlijk onderzocht, of door dit te verzuimen wellicht een zware zonde vergeten ? Heb ik iets uit valsche schaamte verzwegen, er geen berouw over gehad of geen voornemen ? Bleef ik gehecht aan het een of ander kwaad ? Heb ik mijn Penitentie volbracht?

Heb ik bij het communiceeren niet in twijfel verkeerd of ik in doodzonde was, zonder een acte van berouw te verwekken?

GEDACHTEN.

Heb ik verstrooiingen gehad onder mijn H. Communiën, gebeden en geestelijke oefeningen? Heb ik gedachten gehad van ijdel zelfbehagen, van hoo-vaardij, van verzet en verbittering tegen mijn oversten, van haat en nijd, van onzuiverheid, van kleinmoedigheid, van vermetel oordeel, van afgunst, van minachting, van leedvermaak?

WOORDEN.

Heb ik gepraat gedurende de H. Mis, in de Kerkt of onder de predicatie? Heb ik gelogen, getwist, geschimpt, ijdel of lichtvaardig gezworen; anderen spijtig of bits toegesproken; er behagen in genomen, zoo anderen dit deden; kwaad gesproken of aangehoord; een anders lof verminderd; mij zeiven geprezen, iemand iets verweten, kwaad gewenscht, kwaad aangeraden; oneerbare woorden gebruikt of onzuivere liedjes gezongen, en er anderen in gestijfd Ben ik niet praatzuchtig geweest, wanneer het wereld' sche, en niet als met stomheid geslagen, wanneerquot; het geestelijke zaken gold?

ocr page 60

54

WERKEN.

Heb ik in de kerk geslapen, of er anderen verstrooid en ontsticht? Heb ik mij op Zon- en Feestdagen onthouden van alle slafelijke werken? Ben ik niet uitgelaten geweest, en heb ik niet toegegeven aan gemakzucht en zinnelijkheid? Was ik niet te zeer gesteld op roem en lof; niet nieuwsgierig in het hooren, zien, vragen en spreken? Heb ik haat en nijd getoond tegen mijn oversten, ouders of anderen ? B-ïn ik gehoorzaam geweest ? Heb ik aanstonds de bevelen uitgevoerd ? Heb ik iedereen het zijne gegeven; wat mij niet toekwam, verkocht, verkwist of weggegeven? Heb ik mijn naasten bedreigingen toegevoegd, geslagen, getergd, geërgerd of anderen daartoe opgezet? Heb ik de mate in spijs en drank bewaard, anderen daarvan afgebracht? Heb ik onzedige handelingen verricht of anderen daarvan niet afgekeerd, niet ontvlucht en toegegeven, en welke waren deze personen? Heb ik anderen niet verleid, of het kwaad geleerd ?

VERZUIM.

Heb ik op Zon- en Feestdagen een geheele H. Mis gehoord; mijn tijd verkwist, nalatigheid getoond in mijn arbeid en de plichten van mijn staat, of die verwaarloosd? Heb ik iets, waarover ik last had, verloren laten gaan, het kwaad van anderen, waar ik kon belet, gestraft of overgedragen? Heb ik mijn morgen- en avondgebed verricht; Gods inspraken gevolgd; Hem bedankt; waar ik kon, de predicatie en het onderricht bijgewoond ?

VREEMDE ZONDEN.

Heb ik iemand kwaad aangeraden of bevolen, of hem er in geroemd? Heb ik het verdragen, er bij gezwegen, het verdedigd? Heb ik ook onrechtvaardig verkregen goed met anderen gedeeld?

ocr page 61

55

XA. DE BIECHT.

DANKGEBED van den Gel. llenr. Sim.

Allerbarmhartigste Vader, beminnelijke Urui-degom mijner ziel, eenige vreugde van mijn hart, gij hebt mij dus willen vergeven, ondanks mijn ellende en onwaardigheid! Welk een genade! Welk een goedheid! Welk een er-baxming! Ik aanbid U, ik zegen u, ik dank U, ik werp mij aan TJw voeten neder en ik bied U als dankoffer Uwen eenigen Zoon, die voor mij stierf aan het Kruis. Zij n armen, aan het kruis tot U uitgestrekt, zijn voor mij liefelijker dan de boog aan den hemel welken Uwen dienaar Noach verzoening aankondigde. Door Hem hebt Gij wederom ook mij oen teeken gegeven, dat alles tussohen U en mij vergeten is.

Ja, in de armen van den gekruisten Jesus, gevoel ik mij herboren. Ik dring door in Zijn wonden; ik hecht mijn ziel aan de Zijne, mijn hart aan Zijn Hart, om in leven en dood niet meer uit Zijn teedere omhelzingen te worden gerukt. Voortaan liever de dood, het vagevuur en de hel, dan nog ooit mijn Heer en Verlosser te beleedigen. O geef mij nu zulk een droefheid dat er mij het hart

ocr page 62

56

van breekt. Ik wilde sterven van berouw, want met hoe meer liefde Gij mij vergeving hebt geschonken, met des te bitterder smart verwijt ik mij U ooit te hebben beleedigd, en ooit zoo ondankbaar jegens uw eindelooze liefde te zijn geweest.

Dank, o eeuwige Wijsheid, voor de genezing mijner wonden ; geen schepsel had die kunnen heelen. Maar van nu af aan ook wil ik in mijn lichaam de teekenen dragen dat ik U bemin; de geheele wereld, zelfs de engelen en heiligen zullen weten, dat ik niet onverschillig ben voor de oneindige liefde, waarmede Gij een hopeloozen ongelukkige gered hebt. O, ik geef U dan geheel mijn wezen, alles wat ik heb, nooit, nooit meer zal ik het terug nemen. Ik hecht mij geheel aan Uw kruis. Ik wil het goede doen met vreugde, kracht en standvastigheid. Mijn ongestadig hart zal ik aan het üwe vasthechten, mijn verstrooide geest met gedachten aan U bevestigen. Ik wil nimmermeer tot mijn vorige lauwheid wederkeeren, noch mijn eigen wil volgen. Met vurigheid zal ik mijne geestelijke oefeningen betrachten, al zal er mijn lichaam, welks rust en genieting ik nimmermeer wil zoeken, ongemak om moeten verdragen. Ik zal mij trachten te vereenigen met IJ door teleurstelling, vernedering en beproeving onderworpen aan te nemen. Ik zal U, mijn

ocr page 63

57

gekruisten Koning, opbeuren en sterken door mijn strijd tegen mijn kwade natuur. Ik zal TJ troosten door mijn versterving, verheugen door mijn afsclnnv en haat tegen de zonde, Uwe smarten verzachten door mijn teedere gehechtheid, U doen gloeien van liefde voor mij door mijne liefde. Maria, Moeder der heilige volharding, al mijn hoop is in U gesteld, geef mij getrouw te zijn aan mijne beloften, nu en tot in het uur van mijn dood. Amen.

Bid hier uwe penitentie, breng u andermaal nog eens goed voor den geest op welk bepaald punt gij u zult beteren, vraag Jesus en Maria den zegen over uw voornemen, om weldra in de H. Communie met nog vollediger kwijtschelding uwer zonden, nog vaster wil te ontvangen om die te haten, nog meer sterkte om die te overwinnen.

GEBED.

van den U. Thomas van Aquino.

Ik loof U, ik verheerlijk U, ik dank U, mijn God, wegens de tallooze weldaden, die Gij mij, onwaardige, bewezen hebt.

Ik prijs Uwe goedertierenheid, die mij zoo lang verdragen heeft. Uwe liefderijkheid, die mij gespaard heeft. Uwe teederheid, die mij geroepen heeft. Uwe barmhartigheid, die mij mijne zonden vergeven heeft. Uwe goedheid, die mijne verdiensten honderdvoudig beloond

3*

ocr page 64

58

heeft, thv geduld, dat mijne beleedigingen vergeten heeft. Uwe nederigheid, die mij vertroost heeft. Uwe lankmoedigheid, die mij beschermd heeft. Uwe eeuwigheid, die mij bewaard heeft. Uwe waarheid, die mij beloond heeft.

Wat zal ik zeggen, o mijn God, van Uwe onuitsprekelijke mildheid? Cnj roept mij, wanneer ik vlucht; ontvangt mij, wanneer ik terugkeer; helpt mij, wanneer ik wankel; versterkt mij, wanneer ik wanhoop; spoort mij aan, wanneer ik lauw ben; wapent mij, wanneer ik strijd; kroont mij, wanneer ik overwin. Gij verstoot den zondaar niet, wanneer hij boetvaardigheid doet, en vergeet de beleediging. Gij bevrijdt van vele gevaren, stemt liet hart tot boetvaardigheid, schrikt af door straffen, trekt aan door belofte. Gij bestrijdt door beproevingen en beschermt ons door de bediening der Engelen. Gij geeft ons de tijdelijke goederen en hebt de eeuwige voor ons weggelegd. Gij moedigt mij aan door de verhevenheid mijner schepping, trekt mij tot U door de weldaad der verlossing en belooft de rijkdommen der belooning.

Voor dit alles kan ik U niet genoeg prijzen. Ik dank Uwe goddelijke Majesteit voor den overvloed Uwer grenzenlooze goedheid en ik bid U, dat Gij Uwe genade altijd in mij vermeerdert, bewaart en eindelijk beloont. Amen.

ocr page 65

I.

Op het Hoogfeest van Kerstmis, en in den Kersttijd.

(25 Deo. — 2 Febr.)

AANROEPING.

Wijslieidj gesproken door den moud 5^^, van den Allerhoogste, die van liet eene einde des heelals tot aan ket andere alles met kracht in zachtheid verordent, kom en leer ons de wegen der voorzichtigheid bewandelen.

O Verlosser en leidsman van het huis van Jacob, die aan Mozes in de vurige vlammen van het braambosch verschenen zijt, en hem óp Sinaï de Wet hebt gegeven, kom en verlos ons met machtigen arm!

O Stam van Jesse, opgericht tot teeken aan alle volkeren, waarvoor alle koningen vol eerbied zwijgen, door de natiën aanbe-

ocr page 66

60

den, kom, bevrijd or.s, wil niet langer wachten!

O Sleutel van David, en schepter van het huis van Israël, wanneer Gij opent, kan niemand meer sluiten, wanneer Gij sluit, kan niemand nog openen, kom en voer ons uit den kerker, geboeid zijn wij gezeten in de duisternis en in de schaduwe des doods!

O Morgenster, Schittering van het Eeuwige Licht, Zon der gerechtigheid, kom, verlicht allen, welke in de duisternissen en in de schaduwe des doods gezeten zijn!

O Koning der volken, kom, langverwachte, hoeksteen des gebouws, die het hoogste aan liet laagste verbindt, kom, en red den mensch, dien Gij uit klei geschapen hebt!

O Emmanuel, God met ons. Vorst en Wetgever, Verwachte der volken en hun Eedder, kom, kom ons redden, o Heer, onze God!

GÏBÏD OM LIEFDE TOT HET GODDELIJK KIND JESTJS. Van den U. Juynstinns.

Ach, mijn God, hoe bemin ik TI! Ja waarlijk met geheel mijn hart, en ik verlang TJ steeds meer en meer te beminnen, ja met duizendmaal meer vurigheid dan ik het uit

ocr page 67

61

kan drukken. O mijn God, geef mij die genade. Goddelijk Kind, schoon boven alle kinderen der menschen, laat mij naar U verlangen, laat mij ü liefhebben, gelijk ik gaarne zou wenschen, en gelijk ik het verplicht ben te doen. Gij zijt onmetelijk en eindeloos, daarom moest Gij met een eindelooze, onmetelijke liefde bemind worden, vooral van mij, wien Gij zooveel liefde bewezen hebt, dien Gij met zooveel erbarming hebt verlost, en voor wien Gij zooveel groote dingen hebt willen doen. O altoos brandende, en nimmer verteerde Liefde, mijn zoete Jesus, mijn oneindige Liefde, en mijn goede God, ontsteek in mij Uw heilig vuur, het vuur van Uw liefde en weldadigheid, van Uw zoetheid en minzaamheid, van het verlangen naar U, van Uw vreugde en heilige blijdschaj), van Uw teederheid en geduld, van Uw genieting en zaligheid. Dat vuur is heilig en heilzaam, rein en kuisch. Geef het mij, opdat ik, ten volle vervuld met Uwe zoete, reine erbarming, geheel gelouterd door de vlammen van Uwe vurige liefde, U, mijn Heer en liefdevollen aanmin-nigen God, beminne uit geheel mijn hart, uit geheel mijn ziel, uit al mijn krachten, uit geheel mijn verstand, met het grootste en diepste berouw, met overvloedige tranen, met vrees en eerbied, altoos en alom U dragende in mijn hart, in mijn mond en voor mijn aan-

ocr page 68

62

schijn, zoodat er nimme:;, nimmer nog een bedriegelijke.en ontrouwe genegenheid in mijn hart plaats kunne vinden. Amen.

ACTE VAN VERLANGEN.

Ü aanminnig Kind, dat ik heden in de kribbe aanbid, en weldra in mijn hart ga ontvangen, ik verzucht naar U, ik brand' van verlangen naar U, die door den H. Geest de verlangde der eeuicige heuvelen genoemd wordt. Gij zijt het licht en het leven. O kom dan. Goddelijke Zon der gerechtigheid om mijn duisterheid te verlichten, en mijn kwijnende ziel weder gezond te maken! De volken wachten ü als hun bevrijder. De Kerk, Uwe Eruid, haakt naar Uw bezoek. Abraham in het voorgeborchte en alle aartsvaderen verkuchten, verlangen den dag te zien, waarop Gij komen zult. Joseph, de gelukkige Bruidegom van Maria, springt op van vreugde, dat van dit uur af geen enkele sluier meer den Zoon des Allerhoogsten zal verbergen. De herders zeggen tot elkander: //Komt, spoeden wij ons naar Bethlehem, om Deugene te aanschouwen, welken de Heer ons openbaart. De drie Koningen hebben nauwelijks de ster gezien, ot' zij maken zich op om de Ster van Jacob te gaan aanbidden. En de hemelen ■openen zich, en de Engelen dalen neder om

ocr page 69

63

U glorie toe te zingen en U der wereld aan te kondigen als den vrede der menschen van goeden icille. Vergun dan ook mij. Goddelijk Kind, dat ik tot ü kome; dat mijn Kart tot U roept en naar U verlangt, zoo levendig als het bij mogelijkheid kan. Ja, Goddelijk Kind der kribbe, ik kom tot U, en ik offer TJ alle wensclien en alle verlangens van ben, die zoo vurig en gedurig naar Uw komst hebben uitgezien; ik voeg er de mijne bij, hoe zwak, hoe onwaardig zij ook wezen mogen.

Heilige Joseph, geef mij nu do genade met een zelfde liefde Jesus te beminnen als Gij Hem bemind hebt. Leid mij Bethlehem, het huis des Broods, binnen.

Alle Heiligen Gods, door dtT vreugde, welke Gij in den God [van Bethlehem gesmaakt hebt, verlaat mij op dit oogenblik niet. Weest dicht bij mij, in de oogenblik-ken, waarin het eenig voorwerp uwer liefde, Jesus, uw Licht en uw Leven, zal nederdalen in mijne duisterheid en ellende.

GROET AAN HET GODDJiLIJIt KIND. Fan den H. Franciscus van Sales.

O Jesus, kind van Bethlehem, wees voor nu en immer de wellust en de liefde van

ocr page 70

64

mijn hart. O hoe schooi: zijt Gij, aanminnig kind! Mij dunkt Salomon te zien op zijn ivoren, met goud bewerkten troon, welke volgens de H. Schrift, zijns gelijken niet had onder alle koningstroonen der wereld. En ook die koning had zijns gelijken niet in luister en pracht. Maar toch, ik schat het oneindig hooger U, lief Kindeke der kribbe, te zien, dan alle koningen op hun troon.

Maar wanneer ik Uwe Heilige Moeder U j in Hare armen zie beuren, of op haar schoot nederzetten, dan vind ik U op dien troon schitterender, niet alleen dan Salomon opzijn troon van ivoor, maar zelfs dan Gij ooit. Eeuwige Zoon des Vaders, in den hemel geweest zijt. O groote heilige Joseph, doe mij deelen in de vertroostingen, welke Gij daar hebt gesmaakt. Heilige Maria, verleen mij de liefde, welke U daar vervoerde. Goddelijk Kind, maak mij deelachtig aan Uw verdiensten, daar verworven.

O Jesus, ik leg mijn hart neder naast U, in Uwe heilige kribbe. Gij zult het bezielen, ik weet het, met teederheid en gevoel voor ü. Gij hebt gedoogd, dat de os en de ezel U met hun adem verwarmden, hoe zoudt Gij dan de verlangens en het streven van mijn arm hart kunnen weigeren. Het schenkt zich aan ü om voor altoos de dienaar te zijn van U, Uwe moeder, en Uwe voedstervader.

ocr page 71

65

Mijn heilige Engelbewaarder, ik ben er trotscli op te mogen denken, dat ook Gij U in de koren bevondt, welke in dezen sehoo-nen nacht mijn Jesus hebben lofgezongen. Moge het TJ behagen aanstonds wederom in de H. Communie die vreugdezangen boven mij aan te heffen. Breng die aan God in den hoogen, en vrede op aarde aan mijn hart dat van goeden wil is.

Mijn God, wat zal ik U in deze H. Communie schenken? Verkeer mijn hart in het goud Uwer liefde, mijn geest in den mirre der boetvaardigheid, geheel mijn wezen in den wierook van het gebed, en neem mij aldus geheel tot Uw offer aan, opdat ik Uwe zoete stem in mij moge hooren: «Ik ben uw heil in de eeuwen der eeuwen.// Amen.

GEBED TOT MARIA.

O Maria, roemwaardige en zonder vlek ontvangen Maagd, Moeder van God, Koningin van den allerheiligsten Rozenkrans, weldra zal Uw goddelijke Zoon Jesus in mij andermaal geboren worden. Tot U, o teedere Maagd, wend ik mij om de genade te bekomen eener waardiger voorbereiding tot zijne komst. O mijne lieve Moeder, doe mij deelen in die wonderbare gevoelens, welke Uw hart bezielden in de laatste uren, die Jesus Geboorte voorafgingen. Voortdurend het groote

ocr page 72

66

geheim bewonderende, dat de H. Geest in U uitwerkte, aanbaadt Gij met alle nederigheid het menschgeworden Woord des Vaders, en luisterdet naar Hem met alle onderdanigheid. Vurig verlangdet Gö naar het verrukkend oogenblik, waarop Gij het goddelijk Kind met Uwe oogen zoudt aanschouwen en het den engelen en menschen ter aanbidding voorstellen. Verkrijg mij Uwe volmaakte liefde en Uwe heilige begeerten, opdat ik Hem daardoor bewege ook in mij te komen, in mij geboren te worden, te leven, dagelijks aan te groeien, door mij steeds overvloediger het leven der genade mee te deelen. Ruk uit mijn hart, o Maria, en verwijder van mij al wat een beletsel zou kunnen stellen aan de komst, aan het leven, aan het rijk van Jesus in mijn hart. Verre van te willen gelijken aan de inwoners van Bethlehem, die Hem niet wilden ontvangen, aan de slechte Christenen, die Hem niet kennen en Hem o]) dit feest nog zullen vergeten, is mijn eenig verlangen Hem te ontvangen en te bezitten, opdat Hij mij doe herboren worden en mij in de toekomst, evenals Hij, doe leven m heiligen eenvoud, ootmoed, armoede en lijden, die Hij mij in de armoedige kribbe en den verlaten stal van Bethlehem krachtig en met groote teederheid en liefde aanbeveelt. O Maria, o Joseph, o heilige Engelen, o her-

ocr page 73

67

ders, die Jesus in de kribbe ootmoedig liebt aangebeden, verkrijg mij de genade eener waardige Communie, opdat ik Hem evenals Gij en in vereeniging mei U, moge aanbidden en deelachtig worden aan de overvloedige genaden, welke Gij op dien grooten dag ontvingt.

NA DE HEILIGE COMMUNIE.

LOFZANG DEB, GRIEKSCHE KEEK.

quot;Een kindeke is ons geboren, een kindeke is ons geschonken!quot;

//Glorie zij God in den hooge!quot; zoo klinken de engelenzangen; //vrede op aarde aan de menschen van goeden wille! De Maagd bleek machtiger dan de hemelen, welke Hem niet konden bevatten! Het licht is opgegaan voor hen, die in duisternis gezeten waren! Het heeft de nederigen verheven en allen die instemmen met de Engelen: Glorie zij aan God in den hooge.

Verheug u, Israël, zingt en zegent gij allen die Jerusalem bemint. De boeien van Adam's slavernij zijn verbroken, het Paradijs is heropend, de slang heeft baar kracht verloren. In den beginne heeft zij eene vrouw bedrogen, thans ziet zij eene vrouw moeder van den Schepper. O, afgrond der rijkdommen

ocr page 74

68

van de -wijsheid en kennisse Gods! Zij, die den dood over alle vleesch heeft gebracht, wordt nu door de Moeder van God, het begin der zaligheid. Want haar klein kindeke is de alvolmaakte God. In Zijn geboorte laat Hij haar maagdelijkheid onverlet. Door de doeken, welke men Hem omwonden heeft, ontbindt Hij de zonden. Door Zijn geboorte brengt Hij heul voor de smarten van Eva, die niet dan in droefheid baarde. Dat alle wezen zich verheuge en verblijde; want Christus is gekomen om ons ten leven op te wekken en onze zielen te redden.

Uw geboorte, o God! brengt aan de wereld het licht der ware wijsheid. In dat licht leeren de aanbidders der sterren door een ster U, o Zon der Gerechtigheid, aanbidden, U, hemelsche Morgenster, erkennen: Glorie zij U, onze Heer.

Het Paradijs is te Bethlehem heropend. Komt, laat ons gaan zien, en zoeken wij de schatten, die er voor ons verborgen zijn. Komt, laten wij trachten in den stal de schoonheden van het Paradijs in bezit te krijgen. Daar is de vruchtbare stam opgeschoten, die niet besproeid werd, en die de vrucht der vergeving draagt. Daar is de put,-die niemand heeft gegraven, waaraan reeds David wensclite zich te laven. Daar komt de Moedermaagd den dorst van David en Adam

ocr page 75

69

lesschen. Komt dan, spoeden wij ons naar den stal waar het Kind, de God van alle eeuwigheid, geboren is!

Verheugt u, gij allen, kinderen Gods j hemelen, juicht! bergen, springt op van vreugde: De Christus is geboren! Daar is de Maagd neergezeten. Gelijk aan de Cherubijnen, welke hun God tot zetel dienen, draagt zij op hare knieën, als op een troon, den God, het Woord, dat Vleesch geworden is. De herders verheerlijken den pasgeborene; de H. Koningen bieden Hem geschenken; de Engelen juichen: nO onbegrijpelijke God, eere zij U!quot;

AANBOEPING van den H. Franciscus van Sales.

ü Jesus, vervul thans mijn hart met den kostbaren balsem van Uwen Heiligen Naam, opdat de zoetheid van zijn geuren mijne zinnen doordringe en zich uitspreide over al mijn handelingen. Doch opdat mijn hart geschikt zij zulk een zoeten balsem te bevatten, bevrijd het, en neem er alles van weg, wat aan Uwe heilige oogen mishaagt. O zoete Naam, door den Hemelschen Vader van alle eeuwigheid gegeven, wees op mijn hart gegrift, opdat het, wijl die Naam Verlosser betec-

ocr page 76

70

kent, ook voor altoos verlost moge zijn ! Van alle menschelijk wezen, o Maria, hebt Gij dien Naam liet eerst uit mogen spreken, leg Gij ons in het liart, hoe wij Hem waardig moeten noemen, opdat alles in ons de zoete geuren inademe van het Heil, dat (Jij in Uw gezegenden schoot hebt gedragen.

VERLANGEN

vau den Eerb. Ludoviais rem Grenada.

O beminnelijk Kind, heden door de Wijzen gezocht, wanneer zal ik het geluk smaken U te zien? Waarom mag ik niet, zooals de H. Koningen, met mijne oogen den Eeuwige aanschouwen, die kind geworden isj waarom mag ik de eindelooze almacht van God niet zien, in doeken gewikkeld? Waarom niet met deze Wijzen neerknielen aan Maria's voeten, om Hem te aanbidden, wiens almachtige hand de hemelen steunt; waarom de tranen niet zien van het goddelijk Kindje, dat de gelukzaligheid der Engelen uitmaakt? O goddelijk kindje Jesus, laat mij ten minste ü in alle eeuwigheid aanschouwen! Indien de vreugde der Wijzen reeds volmaakt was, toen zij U op het einde hunner reis arm eji naakt in een stal vonden, hoe groot moet dan de

ocr page 77

71

vreugde niet zijn van die zielen, die ü, o mijn Zaligmaker, na hun aardsche loopbaan in de lieerlijkheid van Uw hemelscli koninkrijk zien zullen! Welke zaligheid dan, o mijn God, U te zien, niet meer in een armoedige krib, maar gezeteld op een troon van glorie; niet meer omringd van redelooze dieren, maar omgeven door de schitterende koren der he-melsche geesten; niet meer in die overmaat van vernedering, die gij ter liefde tot ons omhelsd hadt, maar in den hemelschen luister, welken de gelukzaligheid der hemelingen uitmaken zal. O kindje Jesus, geef mij dat ik in afwachting van het geluk, waarnaar ik haak, U altijd zoeke en ü door mijn geloof en de vurigheid mijner liefde vinde. Amen.

ACTE VA» LLEPDU van den Gelul':. Herricus Suso.

O Jesus, Eeuwige Wijsheid, zoo alle men-schen ü met den blik hunner zielen aanschouwden, hoe zou dan alle aardsche droefheid aanstonds verdwijnen! Helaas, waarom kan ik niet bewerken, dat allen zicli aan U schenken, en komen rusten in den afgrond Uwer goedheid! Ach, Heer, waarom toont Gij U niet aan hen ? De aanbidders dezer

ocr page 78

72

wereld verbergen al wat in hen afstoot, en bedekken onder een bedriegelijken scMjn, en acliter een geveinsde schittering, al wat in hen misdadig en verachtelijk is. Maar dit schoon uiterlijk is niet anders dan bederf en afschuwelijkheid; zoo Gij hun dat mom afrukt, vertoonen zij zich in hun ware, afschrikwekkende gedaante.

En Gij integendeel. Eeuwige Wijsheid, Gij toont hier in de kribbe aan Uwe dienaren niet anders dan een uiterlijk, dat hard schijnt, en de natuur afschrikt, en niets van alles wat Gij beminnelijks en bekoorlijks hebt. O mijn God, is het niet om ons gelegenheid tot verdiensten te geven, om ons te geleiden door eenige voorbijgaande moeielijkheden tot de genieting van den eeuwigen vrede? O, indien ik van U iets verlangen dorst, en het U vragen het zou mij iets minder kostbaar en verhevener zijn, dan de aanschouwing voor dat een oogenblik van Uw aangezicht en Gij mij een kus van oneindige liefde schonkt. Wie twijfelt er nog aan, dat zulks geen hemel voor mij zijn zou? Uw oogen, Jesus, zijn schitterender dan de stralen der zon. Uw mond is liefelijk zoet en drupt honig; Uw aangezicht zijn leliën en rozen, en Uw engelreine schoonheid overtreft in het oneindige al wat het heelal aan schoons, en geniete-iijks, en begeerlijks bezit! Hoe meer ik U

ocr page 79

73

beschouw, hoe meer ik ü in een vervoering van vreugde bewonder. Hoe meer ik van ü ondervind, hoe meer ik waardeeren kan, hoe goed, hoe beminnelijk^ hoe zoet aan het hart Gij zijt: Engelen des hemels, met de Bruid van het Hooglied mag ik U toeroepen: win Hem ziet gij, hoe de welbeminde mijner ziel isj ziet, zoo is mijn vriend.//

DAKKZEGG1KG EN OFFERANDE

van de H. Catharina ran Senen.

O allerheiligste God, en onuitsprekelijke liefde, eeuwig vuur, dat de zielen verlicht, ontvlamt van liefde voor U, en haar, zooveel zij willen, zuivert van al wat U tegenstrijdig is, — de liefde heeft TI gedrongen ons het leven te geven, en ü zelf aan ons te openbaren voor de eer en den roem van Uwen H. Naam. Die zelfde liefde drong U ons sterfelijk vleesch aan te nemen om ons aan onze dolingen te onttrekken, en heden vooral schittert die liefde meer dan ooit.

Om Uwen beminden ootmoed te leeren, hebt Gij U geschikt gemaakt tot lijden, hebt Gij, de gever van de Wet, U zelf daaraan onderworpen. Dat de mensch zich dan schame over de verstoktheid zijns harten, en over

4

ocr page 80

74

sijn overtredingen dier Wet, door U gegeven, en door ü nagekomen. Gij hebt heden in U de nietige mensclilieid doen zien, opdat wij zouden leeren ons in U te vernietigen. Gij kebt bitter geleden, om ons te verlossen, en onze liefde voor Uw lijden te vernieuwen, opdat wij met meer moed naar Uw voorbeeld zouden lijden.

Dat alle ziel dan als wegsmelte en zioli verlieze in Uwe liefde, o Goddelijk Kind der kribbe. Schepper en waarachtig God, die den mensch geschapen hebt, om U te kennen, beminnen en na te volgen. En wij hebben aan zooveel genaden weerstand geboden, o eeuwige Majesteit, wij hebben het gewaagd ons van U te verwijderen! Maar nog biedt Gij onze zielen den ring van Uwe liefde aan om haar tot Uwe bruiden te verheffen, mits zij de voorwaarden willen aannemen om Uw eeuwig jeluk deelachtig te worden.

Ik bied U mijn leven aan, nu en wanneer tiet U ook behagen zal; neem het aan, besteed het tot Uwe glorie. Ik bid U door de perdiensten van Uwe geboorte, zuiver Uwe Bruid, de Kerk, van alle smet, en snoei daaruit weg alle onnutte twijgen. O Heer, wacht daar niet langer mede, ik bid U er om, o mijn God. Ik weet, dat Gij door Uwe kracht de verwrongen takken. Uwe vijanden, weder recht kunt buigen. Haast U, Eeuwige Drie-

ocr page 81

75

eenheid; wijl Gij van niets iets gemaakt hebt, kost het ü niets alle kwaad te verwijderen van wat Gij gemaakt hebt. Ik beveel U mijne

dierbaren, en ik beveel/an ^ li-

Majesteit den priester, door wiens band ^y TT zelf mü beden geschonken hebt. Hernie Jem in- en uitwendig, opdat alle zijne daden U behagen. Yerhoor mij en ontvang mijn dank, o Gezegende, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

gebed tot des zoeten naam jesüs. Van de H.

O barmhartige Jesus, ik smeek U, door de liefde welke U den heiligen, zoeten en aller minnelijksten Naam Jesus deed aannemen, dat Gii mij door de kracht van diea Naam sterkt tegen alle aanvallen ^ dj^yaad vooral in mijn laatsten strijd, in tet uui van mijn dood. Gij, die leeft en heerscht m de eeuwen der eeuwen. Amen.

— V

/?

ocr page 82

II.

Op het Hoogfeest van Paschen en in den Passchtyd.

lofprijzing.

Mllekja! inijn God en Heer is verrezen!

I A :,een' T1'' kon geen Prooi büjven van den lood, die gekomen was om de wereld het even weder te geven. Hij bracht weder fat Adam bij zijn misdaad had ingeboet leden zie ik er het duidelijk bewijs van. [ . ^ ,Z;el yereenigt zich wederom j j j , -' Lichaam, en nimmer zal e dood deze beide nog kunnen scheiden, 'at is het onderpand van onze verrijzenis, aoookzulicn wij Hem volgen uit het graf: blijk wij Hem gevolgd zullen hebben tot in ijn dood.

O Jesus, Wij wenschen U met alle zwak-iid onzer vermogens geluk met deze Uwe istervolle zegepraal! Ja, Gij, onze God en eester, zijt waarlijk de Oppermachtige, üw landen juichten reeds over Uwen val, de

ocr page 83

77

Joodsclie raad dackt U te hebben ovenvoa-nen maar Uw verrijzenis doet hun vreu^cie z^en verstommen. Gij wordt met weerhou- , denquot; door hun wachten en zegels; vernederd en beschaamd, moeten zij zelf ^

bekennen. Maar ™ecr nog knarsetendt ^an woede en spilt onze groote vijand die ons tot slavernii had gebracht. Hij heeft de zonde over de wereld gebracht en door de zonde den dood, waaronder hij alle levend wezen deed zuchten. Hij meende

ter over ons; maar heden verrijst Gij, o Jesus,

S;,Te hebt willen ,te„e„ - ™ 'o.pequot;

dood te verlossen. Neen, U, den ip machtige, heeft quot;i quot;^ït T Cquot;

ketend en ook onze kluisters zijn verbroken, de hel zal ons niet meer voor eeuwig in haar slavernij kunnen doen zuchten.

Alleluja! Lof en eer, en dank zij D daar

voor gebracht, groote Koning van leven en

dood; die vrijwillig het leven naar Uw goeddunken wederom aan te nemen. Alleluja! wij vereenigen ons heden met c -duizenden koren van Engelen en Heilig^, die U als overwinnaar des doods het j alleluja toezingen. Wij voegen ons bij de H Kerk, die alom vreugdezangen aanheft, om Uwe zegepraal te vieren. Aanvaard, God-

ocr page 84

78

delijke Heiland, die U heden voor de eerste maal in al Uw glorie aan ons vertoont, aanvaard onze eerbetuigingen, hoe gering ze ook mogen zijn. In den Hemel, willen wij die, naar wij hopen, geheel en al volmaken.

VERZOEK.

Wat zal ik U op dezen dag vragen, o God, wanneer ik U aanstonds in mijn hart ontvang. Ach, ik gevoel het maar al te wel, hoe groot mijn behoeften zijn, hoe veel ik nog van U te vragen heb. Doch op een dag als deze, legt Gijzelf mij een bizonder gebed op de lippen. Wanneer ik U op zulk een schitterende wijze Uwe boeien zie verbreken, dan denk ik aan de boeien, welke mij nog omkneld houden, en welke ik nog niet, ondanks Uwe herhaalde uitnoodigingen, verbrak, niet heb kunnen verbreken. Mijn geest en mijn hart, mijn neigingen en mijn vermogens, mijn zintuigen en alle mijne ledematen zijn nog i zoo geboeid aan datgene, wat niet met Uwen heiligen dienst kan samengaan. Ik begeer nog zoo weinig het hoogere, het hemelsche, het volmaakte; ik ben slechts geneigd tot het aardsche, tot het zinnelijke, tot liet lagere.

Ach, mijn God en Zaligmaker, ik wilde met U uit het graf opstaan, met U de banden verbreken, die mij nog zoo sterk hechten aan datgene, wat met U in strijd is. Breek

ocr page 85

79

ik die boeien niet, dan staat mij liet ergst te vreezen. Dan houdt mij de vijand mijner ziel wellicht voor eeuwig in zijn macht. Nu geeft Gij mij nog door Uw verrijzenis de kracht om met ü op te staan; maar zoo ik nog voortga, die kracht te verwaarloozen, die genade tot verrijzenis van mij af te stooten; ach! da'n moet ik ook duchten, dat Gij mij die genade onttrekt, mij verstoot van Uw Goddelijk Hart, en mij aan mijn zwakheid en zonde overlaat.

O mijn Jesus, zal dan Uwe Verrijzenis heden ook het heeld van mijne verrijzenis worden ? Zal ik even als Gij al het aardsche, al wat de zonde mij gebracht heeft, afleggen ? Zal ik breken met die schuldige geneigdheid voor de wereld en mijne zinnen, zal ik breken met de opwellingen van toorn en gramschap, welke mij zoo vaak beheerschen? Zal ik mij onthechten aan mijn eigen wil, meer trachten inschikkelijk te zijn voor mijne omgeving? Zal ik breken met die zucht tot hcerschen en gebieden, met dien weerzin om uit liefde tot U mij te onderwerpen en onderdanig zijn? Zal ik breken met mijne ij delheid, die er steeds op uit is om in de wereld met roem van zich te doen gewagen, en die een lof der menschen zoekt, welke zoo weinig past bij al mijn onvolmaaktheden? Zal ik breken met mijn hoogmoed, die zoo terug-

ocr page 86

80

schrikt voor alle vernedering, zoo gaarne zijn maai

eigen gebreken verbloemt, en alle goeds niet op i

aan U, maar aan zich zelf toeselirijft? knie

Ach, Heer, het blijde alleluia, dat ik heden mijr

hoor weerklinken binnen dezen tempel, moet ook weerklank vinden in mijn hart! Het

moet ook de juichkreet der Engelen zijn over 1

mijn opstanding. Zal ik dan wezenlijk met ü f, C

verrijzen, en slechts smaak vinden in het y bij

hoogere? O, ik bid U daarom, mijn God en * woi

mijn al, ik bid U daarom door do vreugde nai

der Aartsvaderen, welken Gij in het voorge- , vai

borchte Uw opstanding hebt geboodschapt. Ik i doi

bid IJ daarom door de legioenen van Enge- 1 be

len, door Uwen Hemelschen Vader afgezon- ' lie

den om met hun blijde alleluia's Uw zege- ' da

i; praal te begroeten. Ik bid U daarom door ■ be

|| het hemelsch geluk, dat Maria Magdalena en le

de heilige Vrouwen genoten bij Uw eerste , in

verschijnen. Ik bid U daarom door den troost, , b

welken Gij aan Uw Apostelen sehonkt. Ik bid le U daarom vóór alles, door de onuitsprekelijke ■ V T

zaligheid, welke de Moeder smaakte bij het , n

eerste wederzien van den Goddelijken Zoon. ' d

Ik bid U daarom door Uw glorie en heer- 1

lijkheid bij Uwe Verrijzenis, en door de ge- z

nade, welke Gij aan Uwe uitverkorenen ter i verrijzenis mededeelt. O Jesns, verwerp mijn arme, nietswaardige gebeden niet. Herinner U niet mijn onstandvastigheid in Uw genade.

ocr page 87

81

maar sla andermaal een blik van welgevallen op mij; deel mij door deze H. Communie de kracht mede om waarlijk me1; U uit het graf mijner zonden en gebreken op te staan.

GEBED TOT MARIA.

Onbevlekte en eeuwig gezegende Maagd, bij welke geen ander schepsel vergeleken kan worden, o Maria, Moeder van God, aangename woontent van den Allerhoogste, tempel van den H. Geest, deur'des Hemels, Koningin, door wie naast God alles leeft, wat leven beeft, ik bied U mijn eerbied en onderdanige liefde op bet blijde Hoogfeest van Uwen Jesus, dat ook Uw Hoogfeest heeten mag. Ik nader heden Uwen lieven Zoon, om van Hem het leven te ontvangen, om deelgenoot te worden in Zijn Verrijzenis. Wie Mijn Vleeseh eet, heeft Hij gezegd, en Mijn Bloed drinkt, zal leven in eeuwigheid, en Ik zal hem doen verrijzen op den jongsten dag. O Maria, wees mijne voorspreekster, opdat dit leven, mij in deze H. Communie meegedeeld, waarlijk mijn herleving worden mag. Verkrijg mij, dat het zoo krachtig mijn ziel doorstroome, dat ik zonder moeite mij losrukke uit alles wat mij nog aan bet wereldsche hecht, dat ik Jesus volge in den dood aan mijzelven, maar ook in Zijn glorievolle Opstanding.

ocr page 88

82

GEBED TOT DE H. ENGELEN.

Enguleu en Aartsengelen, Tronen en Maeli-len. Cherubijnen en Serafijnen, hoe hemelsch klinkt heden ü\v zegezang voor Uw Koning, die de hel overwon. Maar ik weet ook, dat Gij juicht over den zondaar, die zich tot zijn Uod richt om Hem wederom aan te hangen, ü, dat dan heden Uwe juichtoonen ook mij mogen gelden; spreekt voor mij ten beste bij Uwen triumpheerenden Jesns, laat ook mij voor immer aan het graf ontstijgen, en nooit meer de oorzaak zijn van den dood van onzen God.

Heilige Imelda, bid voor mij.

Opdat ik deze H. Communie waardig moge verrichten, en er kracht uit putte voor mijne geestelijke verrijzenis. Amen.

* Blijf hier nog eenige oogenblikken ingetogen denken aan het groote geluk, dat u gebeuren zal, tot dat de Priester het Tabernakel ontsluit om u het Brood des levens mede te deden. Belijd dan intus-schen nog eens bij den „Confiteor ' voor God en zijne Heiligen, dat gij gezondigd hebt; dring bij deze laatsten aan dat zij u vergiffenis verwerven bij God, en vraagt door hun voorspraak geheel van smetten en schuiden te worden gezuiverd.

Aanbid vervolgens in de hand des Priesters het ware Paaschlam, dat reeds lang zoo vurig verlangd heeft dit Hoogfeest met u te vieren, het feest van uwe vereeniging met Hem. Spreek uit het diepste uws harten:

«Ziehier het Lam aan God geslachtofferd

ocr page 89

83

oiu mijne zonden iveg te nemen; ziellier het Lam, dat ter slachtbank: geleid werd zonder den mond tot een klacht te openen! Ziehier het Lam, dat al zijn vijanden, den dood zelfs, overwonnen heeft, en welks Bloed ook mij kracht wil schenken om op te staan tot een nieuw leven! Ziehier het Lam Gods, dat intrek komt nemen in mijne arme ziel! Neen, Heer, ik ben niet waardig dat Gij zulks doet, doch spreek slechts; één woord kan mijn ziel gezond en Uwer waardig maken.//

NA DE HEILIGE COMMUNIE.

DANKZEGGING.

//Dank, .Tesus, dank!// dit is het eenige woord dat ik tot U kan spreken; meer vermag mijn hart niet te stamelen. God, Vader in den Hemel, wat geluk is mij geschied? Ik zag Uw welbeminden Jesus voor mij sterven, om mij te doen leven. Ik zag Hem opstaan uit het graf, om van mij de straf der zonde weg te nemen, en mijn verrijzenis voor de eeuwigheid te verzekeren. Maar meer nog is mij thans gebeurd. Dat verheerlijkte Lichaam blikte met liefde op mij neer niet alleen, het nam de gedaante aan van brood om mij niet door zijn majesteit te verpletten.

ocr page 90

84

liet werd mijn voedsel en vereenigde zich geheel en al met mij. Thans rust in mijn hart de verrezen Godmensch, de schrik der hel, de beschaming zijner vijanden. Hij, de oneindig sterke is afgedaald tot mijne zwakheid ! Hij de oneindig Heilige, heeft zich ten nauwste verbonden met mijne nietswaardigheid ! En dit uit liefde! En dit uit geheel belanglooze liefde! alleen om mij !

O Engelen van den Heer, looft met mij Jesus, looft Hem, want Hij is goed, en in eeuwigheid is Zijn erbarming!

Looft Hem met mij, gij Hemelen en alle heerkrachten, looft Hem, want Hij is goed, en in eeuwigheid is Zijn erbarming!

Looft Hem, gij zon en maan en sterren, looft Hem, gij dauw en regen en stormen, looft Hem, gij koude en warmte, looft Hem, gij dag en nacht, looft Hem, gij licht en duisternis, looft Hem, want Hij is goed, en in eeuwigheid is Zijn erbarming.

Dat de aarde Hem love, en de bergen, en de heuvelen, en alle zeeën en stroomen, en alle gewassen en kruiden, en alle dieren, van het groote zeemonster tot liet kleinste insect, dat zij Hem met mij loven, want Hij is goed, en in eeuwigheid is Zijne erbarming.

Maar, mijn Jesus, heb ik nu geen woord voor U? Ach, kon ik vrij thans eenige uren

ocr page 91

85

met ü doorbrengen. Ga niet van mij, o God, blijf met mij geheel mijn leven, gelijk Gij mi zijt in mijn hart. Doch, neen, dat hebt Gij ons hier in de ballingschap niet quot;weggelegd; dat is slechts in het vaderland het geluk Uwer uitverkorenen, wanneer gij altoos alles in allen zult wezen. Dat was alleen weggelegd voor mijn Heilige Patrones Tmelda, toen zij met U in het hart den geest gaf, en de eerste maal reeds onafscheidelijk met ü verbonden bleef.

Doch, geef mij dan nu, door de voorspraak Uwer Heilige Bruid, dat ik, zoolang het mij gegeven is U in mijn hart te aanbidden, van deze onschatbare oogenblikken geen enkel verlieze. Laat ik aan niets denken dan aan U, niets willen dan U, over niets bezorgd zijn dan om mij met U te onderhouden.

GEBED.

Op dit vreugdevol Paaschfeest, na het waarachtig Paaschlam van het jSTieuw Testament te hebben genuttigd, rijst mij voor den geest, o mijn God, waarom Gij het Paaschlam van het oud Verbond aan Uw volk hebt doen nuttigen. Gij wildet hen sterken voor hun uittocht uit het land der goddeloozen en voor de moeielijke reis door de woestijn. Mijn Jesus, Gij weet het, reeds heb ik het U gezegd; ik wilde ook mij bij Uwe getrouwen

ocr page 92

8G

aansluiten, ilic het verkeer met de wereld vluchten en met ernst den weg willen opgaan naar het Beloofde Land. Wil ik eenmaal II ecuwig bezitten en genieten, dan moet ook ik don uittocht ondernemen. Maar ach, mijn God, zooveel houdt mij vandaar terug; met zooveel banden ben ik nog aan de wereld en aan hare slavernij gehecht! De moed ontbreekt mij geheel, om mij grootmoedig los te rukken uit het land der zonde, en den weg door de woestijn te aanvaarden.

Daarom dan, mijn Jesus, Lam zonder vlek, Paaschlam voor het heil van Uw volk geslacht, ontferm U mijner. Ik heb Uw Goddelijk Lichaam genuttigd. Uw kostbaar Bloed ; gedronken. Laat nu die kracht uit dat hemelsch voedsel zich aan mijn ziel mede-declen! Laat er de gezegende uitwerking van niet verijdeld worden. Geef U aan mij, Jesus; verbind mij aan U; maak mij één met U, opdat Uwe krachten de mijnen worden, en ik door U leve. Dan zal de vijand, bij zijn naderen, verschrikt op de vlucht slaan, want hij zal mij geteekend zien met het Heilig Bloed van dit Paaschlam. Dan zal ik den moed hebben om mij los te rukken i V;ul mijn zinnen en kwade neigingen, van mijn geest en mijn hart, voor zoover als zij willen opstaan tegen U. Dan zal ik niet bezwijken op de reis naar het Beloofde Land,

ocr page 93

87

waar Gij mij wacht om mij gelukkig te maken. Üw Licht zal mij voorgaan en mij verlichten; Uw liefde mij voor geen vermoeienis-sen doen terugschrikken, en Gij zelf zult mij veilig geleiden tot het Land, waar het van melk en honig overvloeit. 0 Jesus, deel U dus dan aan mij mede, schenk mij ü geheel. Wees één met mij, nu en tot in den dood en in mijn verrijzenis.

GEBED TOT MAHIA.

Ü Koningin en gezegende Moeder van God, hoezeer ik mij niet verstouten mocht znlks te doen, nader ik tot U om ü geluk te wen-schen met de groote Geheimen, welke Gij dezen dag viert met Uwen üoddelijken Zoon. 0 Goddelijke Moeder, welke gevoelens moeten üw moederhart bezield hebben, toen Jesus aan U het eerste zijn verheerlijkt Lichaam toonde. Hoe volkomen werdt Gij daardoor getroost voor al het lijden der laatste dagen! Wij zijn onbekwaam, verheven Bruid van Gods H. Geest, ons dat voor te stellen; geen schepsel na U zal liet beseffen. Nochtans doe er ons iets van gevoelen. Moeder van God en ook onze Moeder Laat ons eenigzins beseffen wat geluk en welke hemelsche zaligheid de ziel smaakt, wanneer zij sterft met Jesus, om ook met Jesus te verrijzen.

Zoo wij dit begrijpen, lieve Moeder, zullen

ocr page 94

88

wij er ook naar verlangen. Wij zullen de kracht bekomen om door de verrijzenis van üwen Zoon een nieuw leven te beginnen, om daarna op den jongsten dag te verrijzen naar de gelijkenis van Zijn Verrijzenis, en Hem daar in eeuwigheid toe te zingen: //Alleluia, lof en eer en zegening zij in alle eeuwigheid aan het Lam, dat voor ons geslacht is, en ons heeft gevoed ten eeuwigen leven !// Amen.

ocr page 95

III.

Op het Hoogfeest van Pinksteren, in het Octaaf, of by het ondurueinon van een gewichtige zaak.

Wees gezegend en geloofd. God, Hemelsche Vader die ons Uwen Geest gezonden liebt.

Wees gezegend en geloofd. God Zoon, Verlosser der wereld, die Hem ons in Uw dierbaar Bloed verdiend hebt!

Wees gezegend en geloofd. God, Heilige Geest, Liefde des Vaders en des Zoons, welke door Beiden heden in onze harten zult komen wonen ?

Wees gezegend ten geloofd. Geest van wijsheid en verstand, die mij den Vuder doet zegenen en leert loven!

Wees gezegend en geloofd. Geest van raad en sterkte, die mij heden zult voeden met de vrucht door U zelf in Maria gevormd!

Wees gezegend en geloofd. Geest van godsvrucht en vrees des Heeren, die mij zelf in het hart legt U te zegenen en te loven, en zonder wien ik zelfs dit niet zou vermogen.

ocr page 96

90

DANKZEGGING.

Uit de eerste Christen-eeuwen.

Ja waarlijk, het is billijk en een edel hart volkomen waardig, o almachtige God, naar onze zwakheid zooveel doenlijk Uwe weldaden te belijden, en op een jaardag als heden, het ons geschonken eeuwig heil te vieren. Want wie zou het wagen te zwijgen over de nederdaling van Uwen Heiligen Geest, op dezen dag, nu zelfs de taal der barbaren Hem door de Apostelen hoort prijzen? Maar wie zal zulks volkomen kunnen doen? Wie zal de goddelijke kracht kunnen roemen, welke over de H.H. Apostelen is uitgestort geworden tot de prediking van Uw woord?

Wij smeeken U, o Heer Vader der eeuwige glorie, den geringen dank te aanvaarden, die aan het hart Uwer aangenomen kinderen ontwelt. Moge Uw H. Geest die geringe dankzegging waardig maken voor Uw aanschijn! Gewaardig U Hem over ons uit te storten, opdat Hij ons zegene en onze zielen heilige, ons geschikt make te hopen, en de eeuwige belooning aan Uw getrouwen toegezegd, doe verwerven.

O Heilige Liefdevlam, die tegelijk verteert en vruchtbaar maakt, alle wezen, door een hooger licht bestraalt, roemt U als den op-

ocr page 97

91

permachtigen Heer. Uw gloed ontsteekt de Cherubijnen en Serafijnen, die dag en nacht üw eenheid in wezen en macht met den Eeuwigen Vader prijzen en zegenen, en in een onverpoosd gejuicli U steeds blijven toejubelen : //Heilig! Heilig! Heilig! is de Heelde God der heerscharen. Hemelen en aarde zijn vervuld met Uwen roem. Gezegend Hij, die komt in den Naam des Allerhoogsten, Hosanna in excelsis!//

VERZOEK.

Ja, Gezegend Hij, die mij aanstonds zal komen bezoeken. Hij, die komt in den Naam des Allerhoogsten. Jesus, de God van Majesteit zal zich in mijn hart, zoo arm en zoo behoeftig, een woning kiezen. Mijn God, hoe ver gaat Uwe liefde! Geest Gods, heden over de leerlingen neergedaald, laat mij iets vaii die eindelooze liefde beseffen.

Met hoeveel zorg, o Geest die liefde zijt, hebt Gij de komst van Uwen Gezalfde in de wereld niet voorbereid? Van Hem hebt Gij de Profeten doen voorspellen, van Hem de gewijde dichters doen zingen, van Hem doen spreken in teekenen en wonderen, van Hem getuigd onder alle volken. Door Uw geheimzinnige werking in Gods H. Kerk, hebben de Vaderen naar Hem verlangd, en in geloovige verwachting Hem reeds van verre begroet.

ocr page 98

92

hebben alle volkeren naar Hem verzucht. Do gebeurtenissen hebt Gij doen geschieden om Hem, voor Hem. En toen Gij de tijden vervuld hadt, toen Gij de wereld geheel op Zijn komst hadt bereid, wat schonkt Gij toen niet aan Uwe gezegende Bruid, door wie Gij Hem aan ons wildet mededeelen. Toen, o Geest, hebt Gij haar overschaduwd en verrijkt met al wat Uwe wijsheid kon bedenken, wat Uwe liefde wilde geven, wat Uw almacht bij mogelijkheid aan een schepsel kon doen.

O Geest van liefde, nog eenige oogen blikken, en Gij zult het Eeuwig Woord des Vaders andermaal aan mij schenken. Reeds hebt Gij het brood en den wijn wederom overschaduwd, en door Uw liefde en kracht is dat quot;Woord ons voedsel geworden. Dank, o almachtige, liefdevolle Geest voor zoo groot, zoo onbegrijpelijk een goedheid. Maar, ach, gewaardig ü in Uwe liefde, een bede te ver-hooren. Gij hebt het Manna der Vaderen doen bewaren in de kostbare Ark des Verbonds, den Zoon van Maria, door dit Manna vooraf-gebeeld, hebt Gij doen rusten in een schier oneindig kostbaarder Ark, en thans zoudt Gij gedoogen, dat dit Hemelsch Manna, waarmede ik door U gevoed zal worden, ruste in een verblijf dat Jesus geen giften aan kan bieden, dat arm en ellendig is. Zult Gij gedoogen, o Geest van liefde, zoo bezorgd voor

ocr page 99

93

de verheerlijking van het Woord des Vaders, die Hem Salomon een tempei hebt doen bouwen met gouden wanden, die Hem in den schoot Uwer Bruid een huis hebt gesticht, dat veel meer nog het gulden huis heeten moet; zult Gij gedoogen, dat Hij thans moet rusten in een verblijf, waarin Hij geen welbehagen vindt.

Ach, daal neder met Uw zevenvoudige gaven. Versier mij toch met die deugden, waardoor Hij met vurigheid bezit komt nemen van mijn hart. Stort mij het levendig verlangen in, geheel aan Hem te willen zijn, gelijk Hij aan mij is. Geef mij iets van den ootmoed, van de reinheid, van de onthechting aan het aardsche, van de hemelsche gedachten en verlangens, en van de heilige vrees vooral, welke Uwe Onbevlekte Bruid bezielde, toen Gij haar tot een waardige woonplaats voor den Verlosser der wereld hadt voorbereid. Ja, Geest van vrees en ontzag, doordring mijn hart, mijn gebeente, mijn ge-heele wezen met die gave van diepen eerbied voor den God, welken ik door U zoo aanstonds ga ontvangen. Die gave van vrees voor God hebt Gij mij reeds in het Doopsel geschonken; herstel haar, zoo ik haar door mijn zonde verwaarloosde en verloor, vermeerder haar, zoo er nog iets van in mij leeft. Da die vrees mij steeds nederig boude

ocr page 100

94

r

in tegenwoordigheid van zijn allerheiligst Sa-cramsnt en niet het minst bij mijne Heilige Communiën. Dat zij mij de grootheid van

den verborgen God niet uit het oog doe ver-liezen3 mij steeds de uiterste pogingen doe aanwenden om Hem mijn hart zoo welgevallig mogelijk te doen zijn, mij nimmer uit gewoonte en sleursgewijze tot den ontzachwek-kenden Engelendisch doe naderen.

Ik weet het, o Liefde van den Vader en den Zoon, door deze vrees en eerbiedigen schroom in mijn hart te verwekken, zult Gij mijn liefde niet uitdooven; integendeel, zij zal er vuriger door branden. De Machten des hemels smaken met onuitsprekelijke genietingen de vreugde van Gods bezit; zij zijn voor alle eeuwigheid als dronken van liefde voor Hem: toch vreezen en sidderen zij voorZijne Majesteit. En zij zijn in de stad Gods waar niets wat besmeurd is, mag binnengaan! Eu wij zijn bedekt met de droeve sporen, welke : de zonde op onze ziel heeft achtergelaten, vol onvolmaaktheden, blootgesteld aan honderden lagen en listen van den duivel, steeds I aarzelend of wij ons aan God of de wereld i zullen schenken! Hebben wij dan niet die gave van een sterke, ofschoon kinderlijke ' vrees dringend noodig, opdat onze wil nimmer beginne te sluimeren voor het goede, en | onze geest nooit door het kwade worde verblind.

ocr page 101

95

O Geest, scbenk mij daarom een heilige vrees, zooals Gij aan de Hemelsclie Macliten gegeven hebt, het beginsel der wijsheid en der liefde. Waak over het werk Uwer handen; behoed ongeschonden de gave in het Doopsel mij geschonken; vermeerder haar zooveel als ik het van noode heb; vereenig haar in mij met Uwen zoeten vrede des harten eu het vertrouwen op de goedheid van mijn God, opdat ik Uw eigen leer in beoefening brenge, welke Gij mij door Uwen Profeet hebt voorgesteld: «Dien den Heer in vreeze, en spring op van vreugde, terwijl gij leeft voor Zijn aanschijn.// (Ps. II. 11).

AANROEPING.

Va n den U.

O waarachtige Liefde van God, den al-: machtigen Vader, en heilige Voortkoming van Zijn eeuwigen Zoon, alvermogende heilige I Geest, ware troost der bedrukten, vooral op I dit uur heb ik er behoefte aan, dat Gij met 1 groote kracht neerdaalt in het innigste van ' mijn hart, en dat Gij bij Uw komst met Uw ; onvergelijkelijk Licht de diepste en geheimste I schuilhoeken van mijn verstand bewerkt en troost. Want ik zelf, mijn God, ben daar zeer

.

ocr page 102

96

weinig bezorgd over, maar Gij kunt in mij door Uwen zachten dauw al wat dor is vruchtbaar maken. Ricbt dan een schicht van Uwe heilige liefde op het diepste van mijn hart, doorboor het geheel en al, ontsteek het door Uwe hemelsche liefdevlammen, verlicht het door Uwen weldadigen gloed, en doortintel zelfs mijn geheele ziel. Laat mij mijn dorst lesschen aan den vollen stroom Uwer zaligheden, opdat ik na dezen niet meer in staat zij eenigen smaak te vinden in de genoegens der wereld.

Mijn Heer en mijn God, ik geloof vastelijk dat Gij een uitnemend verblijf voor den Vader en den Zoon gereed maakt in het hart, waar Gij Uw intrek hebt genomen. Zalig de mensch, die de eer geniet zulk een Geest te ontvangen, die door U, den Vader en den Zoon in zijn ziel doen wonen. O kom heden! kom zoete en genadevolle Vertrooster der droeve ziel. Gij, die de Uwen in voorspoed bewaart, en in wederwaardigheden verdedigt! Kom, vergeving der misdaden, heeler der wonden! Kom, kracht der zwakken. Steun der wankelen! Kom, leeraar van den kleine, verplettering van den hoogmoedige! Kom, medelijdende Vader der weezen, goedertieren rechter der weduwen! Kom, hoop der armen, verkwikking der kwijnenden! Kom, allerschitterendste Ster der zeevarenden, en vei-

ocr page 103

97

lige Haven der wanhopigen! Kom, uitstekende schoonheid en luister der levenden, eeuwige Hoop der stervenden! Kom, heilige Geest! Kom, en heb medelijden met mij; vereenig ü met mij, en verwerf mij door de menigte Uwer oneindige barmhartigheden, dat Uw grootheid zich aan mijn nietigheid, mijn zwakheid zich aan Uw onverwinnelijke kracht hechte, door onzen Heer Jesus Christus, die met den Vader in Uwe eenheid leeft en heerscht in alle eeuwen der eeuwen. Amen

GEBED AAN MARIA.

Bruid van God den H. Geest, allereerwaar-digst en allerverhevenst Vat, door de werking van Uwen Bruidegom, die in U de Wijsheid des Vaders waardig wilde bewaren, — allerschoonst vat van godsvracht, omdat dezelfde H. Geest U verrijkt heeft met alle liefde en aanhankelijkheid voor den Allerhoogste, —-Arke des Verbonds, door Hem inwendig zoo rijk bekleed om eenmaal het hemelbrood te •bevatten, waarmede ik mij thans zal voeden, — gulden Huis, wiens kostbare versiering alle denkkracht van engelen en menschen overtreft, omdat Uw Bruidegom in U het Heilige der Heiligen wilde doen verblijven, — hoe eindeloos ver ben ik nog verwijderd van de gesteltenissen, waarmede Gij Uwen Jesus in Uw hart binnengeleid hebt.

5

I

ocr page 104

98

•Nogmaals zal Uw Bruidegom, de H. Geest, mij Jesus geven om mij meer te heiligen en mij liet hemelgeluk waardiger te maken! Smeek Hem, o mijne Moeder, dat Hij de woning, waarin Hij Zijn Gezalfde zal doen wonen, vooraf geheel tot dat bezoek bereide, dat Hij mij versiere met de goddelijke en zedelijke hoofddeugden, de zeven kostbare pilaren, welke Hij in den Tempel van Uw Heilig Hart heeft opgericht. Verwerf mij van Hem, door Uwe voorspraak een levendig geloof, een vaste hoop, een vurige liefde; verwerf mij kracht en voorzichtigheid, rechtvaardigheid en gematigheid. Dan, mijne Moeder, bied ik Uwen Jezus een aangename woonstede, dan ben ik Uw geliefd kind, en in vereeniging met U kan ik mij de kostbare oogenblikken der H. Communie ten nutte maken.

NA DE HEILIGE COMMUNIE.

Mijn Welbeminde is aan mij en ik aan Hem! Jesus rust in mijn hart! Hij hoort er mij ; Hij spreekt mij van Zijn onvermetelijke liefde. Dank, mijn God, voor zooveel geluk! ach. Gij overstelpt my.

Dank ook U, Heilige Geest, Gezondene van den Vader en den Zoon. Gij hebt de hemel-

ocr page 105

99

sche vereeniging tusschen mij en Jesus tot stand gebracht. Gij hebt Hem mij geschonken onder de aanbiddelijke Broodgedaante ! O Geest, leen mij nu nog Uw liefdevuur, om waardig aan zulk een gunst te beantwoorden, en al het geluk van deze innige verbintenis met mijn Heer te genieten.

DANKZEGGING

uit de eerste Christen-eeuweu.

Heer, almachtige God, Vader van den Gezalfde, Uwen gezegenden Zoon, Verhoorder der gebeden van hen die U oprecht aanroepen. Kenner der wenschen, zelfs van hen die ze niet uitspreken; wij danken U, dat Gij ons hebt waardig gekeurd aan het vieren Uwer heilige Geheimen deel te nemen. Gij hebt die ons geschonken om beter doordrongen te worden van datgene wat ons het geloof reeds heeft, geleerd, om onze kinderlijke gehechtheid aan ü te bewaren, en om onze zonden uit te wisschen. Immers de Naam van Uwen Gezalfde is over ons aangeroepen, en wij zijn Uwer geworden.

Gij, o God, die ons gescheiden hebt van de gemeenschap der goddeloozen, vereenig ons met allen die ü zijn toegewijd; bevestig ons in de liefde door de komst van den H. Geest; openbaar ons, wat wij niet kennen.

ocr page 106

100

r~

vul aan wat ons ontbreekt, vermeerder wa^ wij reeds kennen.

Bewaar, o Heilige Geest, in Uwe Kerk de Priesters heilig in Uw dienst. Besclierm de vorsten in vrede, den oogst in overvloed, de wereld in Uwe alvermogende Voorzienigheid. Bekeer de dwalenden, geef rust aan de oorlogzuchtige natiën; heilig Uw volk; behoed de maagden; bescherm de huwelijkstrouw; bewaar de kracht der zuiveren; breng de jeugd tot een rijpen leeftijd; bevestig de nieuwge-doopten; onderricht de bekeerlingen; maak hen waardig opgenomen te worden in den schoot der H. Kerk, en vereenig ons allen in het rijk der hemelen, door onzen Heer Jesus Christus, wien met U en den Vader alle lof en eer en aanbidding toekomt in de eeuwen der eeuwen. Amen.

GEBED OM LIEFDE,

Van dc Heilige Rosa van Lima.

Heer Jesus Christus, God en Mensch, mijn S Schepper en mijn Zaligmaker, ik heb er een ' allergrootste droefheid en een gevoelig leedwezen over, U beleedigd te hebben, omdat Gij zijt, die zijt, en omdat ik U boven alles bemin. Mijn God, Bruidegom mijner ziel en geheel de vreugde mijns harten, ik verlang, i maar ook uit alle vermogens, U te bemin-

iff' ■

ocr page 107

101

nen met een allervolmaakste liefde, met een allerwerkdadigste liefde, met een alleroprechtste liefde, met een onuitsprekelijke liefde, met een liefde als nog nimmer een scliep-sel voor zijn God heeft gehad; met een onbegrijpelijke liefde, met een vast bepaalde liefde, met een liefde die alle moeilijkheden tart; in een woord, ik verlang U te beminnen gelijk de engelen en heiligen in den hemel.

En daarenboven. God van mijn hart, van mijn leven, en geheel de vreugde mijner ziel, ik wil voor zoover het in mij is, U beminnen, gelijk de Heilige Maagd, Uwe Moeder en mijne geliefde Meesteres, U bemind heeft. O heil mijner ziel, ik wensch ü te beminnen, gelijk Gij U zeiven bemint. O mijn zoete Heer Jesus, mocht ik ontbranden van het vuur Uwer liefde, mocht ik er door verteerd worden, en mocht het mijn ziel tot een brandoffer van Uwe glorie maken. Amen.

KERKHYMNE DER XII EEUW.

Dat de genade van Gods Heiligen Geest heden

met ons zij !

Dat zij haar intrek neme in ons hart! Dat zij alle kwaad uit onzen geest verdrijve! Geest vol goedheid, die den menseh verlicht!

ocr page 108

103

Verdrijf de droeve duisternis die onze ziel doet treuren.

Gij zijt steeds de lieilige minnaar van alle goede gedachten.

Stort goedertieren Uwe zalving in onze zielen uit.

O Geest, Gij zuivert ons van onze zonden. Zuiver in ons den blik van onzen inwendi-gen mensch!

Opdat Wij daardoor eens den Allerhoogsten Vader mogen aanschouwen,

quot;VYelken het alleen den zuiveren van harten gegeven is te zien.

Gij hebt de Propheten doen spreken, en hen eeuwen te voren den lof van den Christus doen verkonden!

Gij hebt de Apostelen gesterkt om over de geheele wereld het vaandel van den Christus zegevierend rond te dragen.

Toen God door Zijn Woord den hemel schiep, en de aarde, en de zee.

Toen hebt Gij, o Geest, Uwe Godheid over de wateren doen gaan, om hen vruchtbaar te maken.

Thans legt Gij kracht in het water om de zielen te doen herleven.

Uw adem maakt ons geestelijke menschen.

Gij hebt, o Heer, de wereld, door taal en eere-dienst verdeeld, wederom één gemaakt!

O voortreffelijkste der Leeraren, Gij hebt de

ocr page 109

103

dienaars der afgoden dienaren gemaakt van den waren God.

Daarom dan, o Heilige Geest, gewaardig ü onze gebeden te verliooren.

Zonder U zouden alle onze gebeden ij del zijn, onwaardig tot God op te stijgen.

Gij, o Geest, hebt in den loop der eeuwen door Uwe Goddelijke inwoning de Heiligen onder-riclit en bestuurd!

Eti door lieden de Apostelen met nieuwe, tot nu toe ongekende genadegaven te verrijken.

Hebt Gij dezen Pinksterdag altijd roemrijk gemaakt. Amen.

GEBED TOT DEN H. GEEST.

Van den Eerb. Ludovicus van Grenada.

Heilige Geest, Geest van Troost en kracht, die op Pinksterdag over de Apostelen zijt nedergedaald om hunne harten met genade, met liefde en wijsheid te vervullen ; vervul ook, in den naam van deze rijke gaven en van deze eindelooze barmhartigheid, mijne ziel met Uwe genade, en laat mijn hart de onuitsprekelijke zoetheid smaken van Uwe liefde. Kom, Heilige Geest, en zend ons uit de hoogte der hemelen een straal van Uw licht

ocr page 110

104

Kom, Vader der armen, kom, uitdeeler der liemelsclie gaven, kom, licht der.harten. O Eeuwige Trooster, zachte Bruidegom onzer zielen, onze vreugd en onze vrede, kom; kom. Gij, die de zonde der wereld uitwischt. Gij, die onze krankheden geneest. Sterkte der sterken, steun der zwakken, leeraar der oot-moedigen, schrik der hoovaardij. Kom, glorie der levenden, hoop en ziel der dooden, kom, o mijn God, deel mijn hart rijkelijk Uwe giften en barmhartigheden mede. Geef mij de gave der Wijsheid, om als dronken te worden van Uwe liefde; de gave van Verstand, om verlicht te worden met een hooger licht; de gave van Baad, om niet van den weg Uwer geboden af te dwalen; de gave van Kracht, om met moed te kunnen strijden; de gave van Wetenschap, om Uwe Heilige waarheden te kennen; de gave van Godsvrucht, om mijn hart ontvankelijk te maken voor Uwe genaden; de gave van Vrees, om Uwe strenge oordeelen te ontkomen. O zoete Bruidegom der reine harten, ontsteek en ontvlam mijn hart met de zachte en onschatbare vlammen der liefde. Geef dat het, op deze wyijze ontstoken, zich tot U verheffe, die mijn laatste doeleinde en een afgrond van alle goed zijt. O zoete Bruidegom der kuische en onschuldige zielen. Gij kent mijn zwakheid; ach, ik bid U, leg Uw barmhartige

ocr page 111

105

hand op mij, en geef dat ik mij aan nüjzelven ontliechte, om in ij in ü alleen geheel en al , te verliezen. Keer om, verbreek, vernietig; v doe in mij alles verdwijnen wat U mishaagt, , opdat ik moge zijn zooaLs Gij wilt. Dat mijn [j leven een U waardig offer zij ! Dat ik ver-| teerd worde van liefde!

O, wie zal mij deze gunst verwerven? Sla Uw blik op Uw arm schepsel! Dag en nacht zucht het naar U; Mijn ziel is dorstig, en dorstig naar God! Wanneer zal ik komen en voor Gods aanschijn mogen staan, waarin alle l weldaden gelegen zijn! Wanneer zal ik mij I kunnen verzadigen aan de glorie van Uwe | tegenwoordigheid? Wanneer zal ik van alle 1 bekoring bevrijd zijn? Wanneer zal ik deze droeve ballingschap mogen verlaten? O Zetel van den eeuwigen luister! Laat mij terug-keeren tot de Bron, waaruit ik ben voort-| gekomen, en dat ik U daar kenne, gelijk Gij mij nu kent, U daar beminne gelijk Gij mij bemint, en daar voor eeuwig Uw aanschijn beschouwe in het gezelschap Uwer uitverkorenen. Amen.

GEBED VOOK DE HEILIGE KEKK..

Fin de II. Calharina van Sen en.

ocr page 112

lOG

heden, nu zij de weldaden van den H. Geest herdenkt, hare belangen bijzonder aan den God, welken gij in uw hart bezit.

O Almr.cbt des Vaders, help mij ! Wijsheid des Zoons, verlicht mijn verstand! Zoete goedertierenheid van den Heiligen Geest, omvat mijn hart en vereenig het met Ü ! Ik belijd, o eeuwige God, dat Uwe macht alles vermag om de Kerk te bevrijden, om Uw volk te redden, en het uit de kracht der duivelen te ■ verlossen, om de vervolging tegen Uwe Kerk te doen ophouden, en om mij de sterkte te •reven tot liet overwinnen van alle mijne vijanden. Ik belijd, dat de Wijsheid van Uwen Zoon, die een is met U, mijn verstand en dat van het volk, kan verlichten en alle duisternis van Uwe geliefde Bruid kan verdrijven. Ik belijd, onuitsprekelijke goedheid van God, dat de goedertierenheid des H. Gecstes, en Uwe vurige liefde mijn hart en dat van alle ^ redelijke wezens in Ü wil vereenigen en doen ' ontvlammen.

Omdat Gij het weet, wilt Gij het en kunt \ het. Ik bezweer U door Uwe almacht, o^ eeuwige Vader, door de Wijsheid van Uwen eenigen Zoon, en door Zijn kostbaar Bloed, door do goedertierenheid van den li. Geest, het Vuur, de grondelooze liefde, die Uwen Zoon doorboord en aan het Kruis geslagen heeft, barmhartigheid te bewijzen aan de we

relc vre Ja, wa( goe bar lisrf

ocr page 113

107

reld, en in Uwe Kerk de eendracht, den vrede en de vurigheid der liefde te hernieuwen. Ja, ik wensch dat Gij daarmee niet langer wacht. Ik vraag van ü, dat Uwe eindelooze goedheid U er toe dringe om het oog Uwer barmhartigheid niet te sluiten voer Uwe heilige Bruid. Zoete Jesus, Jesus mijne liefde !

DANKZEGGING VOOR BE GENADE VAN HET H. VORMSEL.

Wees eeuwig gezegend, o God, die, na mij te hebben doen herleven in de wateren des H. Doopsels, mij versterkt en tot een volmaakten christen gemaakt hebt door het H. A ormsel. Uw dienaar heeft mij zijne handen opgelegd, en Gij hebt mij Uwen H. Geest geschonken; Gij hebt op mij doen rusten den Geest van wijsheid cn verstand, —den Geest van raad en sterkte, — den Geest van wetenschap en godvruchtigheid j Gij hebt mij vervuld met den Geest van Uwe vrees; voltrek Uw werk, versterk en bevestig, hetgeen Gij in mij hebt uitgewerkt. Doe mij de vruchten van dezen Goddclijkcn Geest voortbrengen; doe mij als een volmaakt christen leven; laat niet toe, dat eene lafhartige vrees, de liefde des levens, of menschelijk opzicht krachtiger in

ocr page 114

108

mij worden dan de genade van Uw H. Sacrament, om Uw geloof te belijden, en Uwe belangen, zelfs met gevaar van mijn leven, te verdedigen. Ondersteun mij altoos door Uwe hulp, zoodat niets mij tot zonde brenge, dat niets mij afkeere van deugd en waarheid en ik mij nooit schame over Jesus Christus, zijn Evangelie, of Zijn kruis. Amen.

ocr page 115

IV.

Op het Hoogfeest van het Allerh. Sacrament of gedurende het Octaaf, en ook op de gewone Donderdagen des jaars.

LOFPRIJZING.

Naar het Lande Sion van den H. Thomas run

Loof, mijne ziel, loof, o lijdende en strijdende Kerk Gods, loof, Hemelsch Jerusalem, uwen Redder! loof uw Hoofd en Redder in zang en lied.

Vrees niet Zijn lof te overdrijven. Zoo boog Gij Hem wilt verheffen, zoo hoog moogt Gij het doen, want Hij is hoven allen lof verheven, en nimmer zal men Hem voldoende kunnen prijzen.

Loof Hem heden op bijzondere wijze : het is de dag, waarop Hij ons het levend en levendmakend Brood als voedsel voorzet, het Brood dat Hij, naar het geloof ons zegt, aan de twaalven in het H. Avondmaal schonk!

Loof Hem dan op volmaakte wijze, dringi

Uw H. Sa-Gn Uwe ' =inijn leven, j altoos door 1 ■nde brenge,

3H waarheid as Christus, 1 ■en.

ocr page 116

110

uw lof overal door. Dat het gej uicli mver ziele aller gehoor streele, en in alle welluidendheid k linke!

Immers een plechtige dag wordt gevierd, de dag, waarop Hij voor de eerste maal de Heilige Tafel aanrichtte. Dc dag, waarop het nieuwe Paaschlam der Nieuwe 'VYct het oude Paasoh-feest doet ophouden, waarop de voorafschaduwing plaats maakt voor de Werkelijkheid, waarop het Licht den nacht verdrijft.

En wat de Heer toen deed, beval Hij in Zijn oneindige liefde den Apostelen iederen dag als een herdenking van Zijn liefde, en alg herhaling van Zijn Kruisoffer, andermaal ; te doen.

En zoo geschiedt op Goddelijke aanwijzing nog dagelijks de verandering van het brood en den wijn in een Offerlam voor ons heil, en met levendig geloof belijdt ieder Christen, dat het brood het Vlccsch is geworden van zijn God, | de wijn Zijn dierbaar Bloed.

Mogen dan verstand en zintuigen al niet bij machte zijn dit te zien, het geloof, het bezield geloof verheft zich boven degewone wegen onzer kennis, en neemt allen twijfel weg.

«Onder geheel verschillende gedaante,/' zoo jubelt het met geestdrift, «welke slechts kleur ;en omtrek zijn, geen wezen op zieh zelf, zijn de verhevenste zaken verborgen!//

«Immers de spijs is Vleesch, de drank is

ocr page 117

Ill

Bloed, en toch verblijft de Godmensch in Zijn geheel onder heide gedaanten!

//Men iiuttigt Hem; doch Hem breken, of verdoelen, of verminderen kan men Hem niet; onverlet -wordt Hij ontvangen.

//Hetzij ccn Hom daar nuttigt, hetzij duizenden, geen ontvangt er moer, en hoe tallooze malen Hij zich ook schenke, nimmer is Hij uitgeput.

/'De goede mag Hem nuttigen, maar ook de hooze ontvangt Hom; doch zoo Hij den eerste ten leven opwekt, de laatste neemt Hem tot verdoenüng.

//Want voor den brave is Hij het Leven, en, door geheel tegenovergestelde werking, voor den zondaar, de dood!

//Meer nog, zoo het Brood gebroken wordt, bevat ieder deel wat het geheel inhield.

//Niet de zelfstandigheid wordt verdeeld, alleen de broodgedaante wordt gebroken; maar noch de toestand noch de gestalte van het Brood des Levens wordt in iets geschonden.//

Hier bezit gij dus, o ziel, het Brood der Engelen, het voedsel geworden van ons, arme pelgrims door dit leven, wezenlijk en waar-iichtig het Brood der kinderen, den honden niet voor te werpen.

De gebeurtenissen hebben dit van te voren reeds aangekondigd, in het vrijwillig offer van Isaiic, in het Paaschlam van Egypte, en in

ocr page 118

112

het Manna, dat de vadeven in de woestijn lieeft gevoed.

O Goede Herder, Jesus, ons waarachtig voedsel, erbarm U over ons; hoed ons; bescherm ons; doe ons het geluk aanschouwen van het land der levenden.

Gij, die alles ziet, en alles waardig zyt, die ons in het sterfelijk leven voedt, maak Uwe getrouwen, welke hier met U aan één Disch aanzitten, de medeerfgenamen en de deelge-nooten van de heilige bewoners Uwer stad.

GEBED OM EENE WAARDIGE H. COMMUNIE.

Van den H. Amhrosins.

O Koning der maagden, minnaar der zuiverheid en der maagdelijkheid, blusch in mijn lichaam door den hemelschen dauw van Uwen zegen den gloed van mijne zondige begeerlijkheid uit, opdat slechts zuiverheid van ziel en lichaam in mij wone. Onderdruk in mijne ledematen de lusten des vleesehes en alle bewegingen van den hartstocht; geef mij een ware, nooit geschonden kuischheid, met alle andere gaven die U behagen, opdat ik met een rein lichaam aan het vieren dezer goddelijke Geheimen deel moge nemen. Ach, met welk een berouw, met welk een stroom van

ocr page 119

113

tranen, met welk een ontzag en eerbied, met welk een zuiverheid van ziel en lichaam behoor ik dit te doen; in den vollen zin des woords zal ik Uw lichaam nuttigen, Uw Bloed drinken, mijn ellende met Uw verhevenheid vereenigen, het aardsche met het goddelijke verbinden. Uwe heilige Engelen zullen hier tegenwoordig zijn, en Gij zelf het Offer en de bewonderenswaardige, de onuitsprekelijke Offeraar.

VOORBEREIDING.

Van den II. Joannes Chrysostomus.

Ik geloof, Heer, en belijd, dat Gij de Christus zijt, de Zoon van den levenden God, in de wereld gekomen om de zondaars te redden, van welken ik een der eersten ben.

Ontvang mij heden als gast aan Uw geestelijk feestmaal. Want ik zal dit allerheiligst Sacrament niet aan Uwe vijanden overleveren, ik zal U geen verraderskus geven gelijk Judas, maar als de goede moordenaar zal ik belijden : Heer, gedenk mijner, als Gij zult zijn gekomen in Uw rijk.

Heer, ik ben niet waardig, dat Gij komt onder het onteerde dak mijner ziel. Maar even als Gij U hebt gewaardigd neder te dalen tot

ocr page 120

114

den armen stal van Bethlehem, te rusten in de krib der dieren, binnen te gaan in het huis van Simon den melaatsehe, en toe te laten dat een zondares Uwe voeten balsemde, gewaardig U ook binnen te gaan in de armoede van mijn verblinde ziel, en in dit mijn bezoedeld, melaatsch en dood lichaam. En gelijk Gij niet, o Heer, de onzuivere zondares die Uwe voeten kuste, van U hebt gestooten, zoo ook. Heer, mijn God, verstoot dezen zondaar niet van U. Maar in Uw goedheid en welwillendheid, gewaardig mij toe te laten tot de vereeniging van Uw allerheiligst Liehaam en Goddelijk Bloed.

0 mijn God, vergeef, ontbind, vergeet al mijne zonden, die ik, wetens of onwetens, door woord of daad heb verricht. Wees mij genadig in Uwe mededoogende goedheid; bewaar mij van de eeuwige veroordeeling door de voorspraak van Maria, de altoos Onbevlekte Maagd, zoodat ik Uw onschatbaar en onbesmet Lichaam tot genezing van mijn ziel en lichaam ont-vange. Want Uwer is de heerschappij, en de kracht, en de glorie. Vader, Zoon en Hei-lise Geest, in alle eeuwen der eeuwen.

ocr page 121

115

A C I E VAN OOTMOED.

Van den Eerh. Tauhrus.

Beminnenswaardige Heer, wie ben ik, dat ik op U op dezen feestdag mag ontvangen? Ach, onmetelijke God, en ik ben zoo weinig op Uw ontvangst voorbereid! Ach, Heer van Majesteit, en ik heb U tot nu zoo slecht gediend! Ach, minnelijke Yader, ik heb TJ tot nu zoo vaak vergeten!

Daarom, o God, heb ik zoo dringend behoefte aan Uwe hulp. Ach, Heer Jesus Christus, als ik bedenk, dat Uwe allerreinste, allerwaardigste Moeder zoo ontstelde, bij het vernemen dat Gij in Haren maagdelijken schoot zoudt komen rusten; als ik bedenk, dat de Heilige Joannes de Dooper in de Jordaan sidderde voor het aanraken van Uwe Heilige Mensch-heid; ach. Heer, dan heb ik, zondig mensch, alle reden bij het ontvangen van Uw onsterfelijk, verheerlijkt Lichaam, te sidderen. Ach, Heer, mijne zonden en ondankbaarheden klagen luide over mij ; mijn geweten getuigt tegen mij, waarheen zal ik vluchten, want ik kan niet vlieden voor Uwe kracht!

Dan ach. Heer \'an kracht en sterkte, is Uwe gerechtigheid zoo onnoemlijk groot en onuitsprekelijk. Uw zoete genade en barmhartigheid overtreffen die, • als het ware, nog.

ocr page 122

116

Ik weet, dat Uwe goedertierenheid voor den zondaar zoo groot is, dat Gij zelfs een menscli die op ü wil en kan vertrouwen, niet van ü verstooten kunt. Ach, almachtige, barmhartige üod, wat is Uwe goedheid groot, wat gaat üwe erbarming alle begrip te boven!

O troost en verkwikking mijns harten, spreek Gij heden voor mij, en stel U voor mij lieden in de plaats, opdat ik het durf wagen U, ondanks mijne vele zonden, te ontvangen. Ik verberg mij achter üwe barmhartigheid, ik doe mijn hart geheel in Uwe genade opgaan, ik stel mij geheel in Üwe barmhartige hand, opdat Gij mij Uw erbarming en de goedertierenheid Uws Harten geheel kunt toonen.

Ja, barmhartige God en Heer, toon U heden aan mijn zondige ziel. Geef, dat ik voor U verschijne, gezuiverd van alle schuld, luisterrijk opgesierd door al Uwe genaden, en dat ik met Uwe levendmakende Spijze gesterkt worde om meer en meer in liefde aan te groeien, en door Uwe barmhartigheid als met een kleed omgeven te worden tegen alle kwaad. Amen.

VERZOEK.

Geef mij vooral, o mijn God, op een dag als heden, U met ware godsvrucht te ontvangen. Alles rondom mij viert U; geen moeite wordt gespaard om U luisterrijk te huldigen. Bloemen en licht, goud en zilver, zijden en andere

ocr page 123

117

stoffen worden bijgezet om ü, op üwen feestdag als God onzer tabernakelen, zooveel doenlijk lof en eer te brengen. De geheele Christenheid deelt in dit feest. En ik, Uw behoeftig kind, ik, die dit alles moet aanschouwen, die er zoovelen met vreugde in liet hart, en met zichtbare godsvrucht tot üwen Discb zie naderen, ik zou een wanklank voor ü zijn in dien blijden feestzang. De koningen dezer wereld, oJesus! deelen gunsten en aalmoezen uit, wanneer hun volk hun overwinning viert. O, geef dan ook. Gij, Hemel-sche Koning, wiens triumf men heden herdenkt, bizondere blijken van welwillendheid. Laat niet toe, dat ik ü met mijne gewone verstrooidheid ontvange; leg mij zooveel edele gevoelens in het hart, lieve Jesus, dat ook'ik U heden op bizondere wijze kom huldigen en ontvangen.

H. Imelda, toon mij heden meer dan ooit Uwe bescherming.

* En daar werd een stem gehoord : zie de Bruidegom komt: ga Hem te gemoet. Matth. 35.

ocr page 124

118

NA DE HEILIGE COMMUNIE.

LOFPRIJZING

ran den GeUkz. Henrkus Sm.

O mijn Jesus, dat de ontelbare menigte der schooi ie engelenkoren ü voor mij groeten en lofzingen. Dat de verlangens en de liefde Uwer Heiligen, en de verheven harmonie van al het geschapene ü voor mij verheerlijken ! O, wanneer zal de dag komen, dat ik in zal kunnen stemmen met de volmaakte lofzangen Uwer Heiligen, waar zij door niets meer onderbroken worden, of hunne welluidendheid kunnen verliezen. O, dat verlangen, die behoefte verteert mij, want hoe zou ik niet naar ü kunnen verlangen, o Jesus, eenige vreugd mijns harten? Gij weet het, o mijn zoete Jesus, dat ik mij geheel aan ü overgeef; mijn ziel bemint niets anders dan U, zoekt niets anders dan U, wil niets anders dan U, en wanneer zij U niet vindt, is zij wel genoodzaakt te weenen en moet zij wol gefolterd worden.

Uw lof, o mijn God, is de voorsmaak van het eeuwig geluk. Die lof verlicht mijn verstand, verzacht mijn kruis, overwint de booze geesten, verjaagt de droefheid en de verveling, geeft rust en geluk aan mijn ziel. Ik

ocr page 125

119

zal IJ loven door mijn woorden, door mijn gedachten, door mijn werken, om mijn zonden uit te wissclien, mij mot genaden te verrijken, den naaste te stichten, de zielen des vagevuurs te troosten, mij met de Engelen des

j hemels te vereenigen, üw welbeminde te wezen

der | hier op aarde, en gelukkig en heilig dit leven

en | te verlaten.

fde j Dat mijn hart dan een gloeiend vuur moge

■.•in j wezen, dat gevoed wordt door U te loven;

Jilt; dat het zich met de liefde van alle Uwe Hei-

üil ligen vereenigen, van alle Serafijnen des hemels,

3n l en met die liefde, welke God de Vader zelf

er heeft voor U zijn eeniggeboren en welbeminden

cl i Zoon. Amen.

lt ï AANBIDDING.

Naar dm H. Thomas van Aquine. 1)

O God, verborgen onder de nederige broodgedaante, welke ik zooeven genuttigd hob, ik aanbid ü met alle gevoelens van godsvrucht. Mijn hart stelt zich geheel ter Uwer

i) Aan dezen H. Leeraarkomt de onsterfelijke eer toe de tolk te zijn van de verheven gevoelens, welke de Heilige Kerk op dezen hoogen dag vol geestdrift vervoeren. Trachten wij heden die gevoelens tot de onzen te maken, door langzaam en met aandacht zijne hemelsche woorden te overwegen.

ocr page 126

; 120

beschikking, want het wordt geheel aan zich zelf ontvoèrd bij de gedachte aan Uwe liefde.

Gezicht, gevoel en smaak onderkennen U niet. Maar op het hooren alleen geloof ik, dat Gij hier onder die broodgedaante wezenlijk tegenwoordig zijt! Ik geloof wat de Eeuwige Zoon van God mij gezegd heeft; niets gaat vaster dan Zijn woord.

Op het Kruis was enkel Uw Godheid, o mijn Heer, verborgen. Maar hier doet Gij voor mij nog meer; hier gaat ook Uwe heilige Menschheid schuil. Toch geloof en belijd ik beide, en vraag wat de goede moordenaar aan het Kruis U vroeg; Heer, gedenk mijner, wanneer Gij gekomen zult zijn in Uw rijk.

O Jesus, het is mij wel niet gegeven, als aan Thomas, Uw apostel. Uwe H. Wonden te aanschouwen, maar dit heeft mijn geloof niet van noode. Toch belijd ik U als mijn Heer en mijn God. O geef, dat mijn geloof aan U, mijn hoop op U, mijn liefde voor TJ, steeds meer en meer aangroeie.

O gedachtenis van den dood van mijnen Heer! o levend Brood, dat den mensch het bovennatuurlijke, het eeuwig leven schenkt, Terleen ook mijn arme ziel steeds door U en in U te leven, en immer de zoetheid ervan te smaken!

Liefste Jesus, Heer, Gij zijt als de pelikaan die in moederlijke bezorgdheid haar bloed

ocr page 127

121

schenkt voor haar jongen. Schenk mij Uw Bloed, o Heer; reinig mijne onreinheid geheel in dien kostbaren stroom, waarvan één druppel volstaat om een gansche wereld van al hare ongerechtigheid te zuiveren.

Jesus, nu aanschouw ik U nog onder de gedaante van Brood, maar verleen mij, bid ik U, dat ééne, waarna ik zoo vurig verlang: laat mij U zonder dien sluier zien, en in dit zalig aanschouwen mij voor alle eeuwigheid verheugen. Amen.

DANKZEGGING

naar den H. Thomas van Aquine.

Het Eeuwig Woord des Vaders was uit den Hemel neergedaald. Hij kwam, schoon Hij in volle glorie bleef heerschen aan de rechterhand Zijns Vaders, bij het verduisteren der tijden om Zijn werk te verrichten.

Hij kwam, maar alvorens een der Zijnen Hem ter dood zou overleveren, schonk Hij zich zelf aan de Zijnen als hun spijze ten leven.

Hij schonk hun onder tweevoudige gedaante Zijn Lichaam en Zijn Bloed, om den mensch, die immers uit lichaam en bloed bestaat, geheel te kunnen voeden.

In de kribbe schonk Hij ons Zich zeiven als broeder, aan den disch als voedsel, op

6

ocr page 128

123

liet Kruis als losprijs, in Zijn Rijk als be-looning.

O zalig Offerlam, waardoor do hemelen ons zijn ontsloten, lievige strijd kwelt ons, geef ons krachten, help ons!

Eere zij eeuwig den drieëenigen God! Moge Hij ons in het vaderland de onsterfelijkheid meedeelen. Amen.

DANKZEGGING rem den Eerb. Ludovicus van Grenada.

O mijn God en mijn erbarming, hoe zal ik U waardig danken, dat Gij, Koning der koningen, en Beheerscher der heerschers, U gewaardigd hebt mijn ziel te bezoeken, en Uw intrek te nemen onder mijn nederig dak en daar te bewerken, dat Gij en ik één werden door Uw onschatbaar Sacrament. Wat zal ik daarvoor wedergeven, met welke wederdiensten zal Ik Uw goedheid beloonen? Wat dank kan een nietig, ellendig, zondig schepsel geven voor een geschenk zoo kostbaar en zoo rijk? Het was U niet genoeg ons Uwe Godheid mee te deelen door dit H. Sacrament, maar tegelijkertijd vereenigde zich met ons Uwe Menschheid, en alle verdiensten, welke Gij door Haar en in Haar verworven hebt.

O wonderbare vereeniging! O onvergelij-

ocr page 129

123

kelijke schat, den inensch nog niet voldoende bekend, maar toch waardig dag en nacht in de H. Kerk te worden geloofd en geprezen. O goedertieren Geneesheer onzer zielen. Gij kondt niet met grooteren rijkdom, met kostbaarder schatten ons verrijkt hebben dan door dit H. Sacrament. Ja, wel hebt Gij in het uur vóór Uw lijden gezegd: «Ik heilig Mij, opdat ook gij door Mij in waarheid heilig zoudt kunnen worden.quot; Een nieuwe wijze van te heiligen, hebt Gij in Uw liefde ontdekt, waarbij de Heiligmaker alleen alle lasten zou hebben, de geheiligde alle lusten. Gij hebt gearbeid: ik heb het loon ontvangen. Gij hebt de kosten gemaakt: ik heb de winsten ontvangen. Gij werdt gekastijd: ik ontving vergeving. Gij hebt den bitteren drank moeten ledigen: en ik ben gevoed geworden en heb het leven weergekregen. Uwe smarten. Uwe nagelen, de door U ontvangen kaakslagen. Uwe doornen. Uw kostbaar Bloed, niet druppelsgewijs, maar met stroomen vergoten, heeft voor mij voldaan. Uwe tranen wasschen mij; Uwe wonden genezen mij; Uw geeselstriemen voldoen voor mij. O rijke vereeniging, o oneindig verdienstelijke verbroedering, o alles overtreffende, onschatbare ruil! Hoevee! hebben wij daartoe bijgedragen? Wat heeft het ons gekost, om zooveel te winnen? ach. God, laat

ocr page 130

124

ik het liever belijden: Uw goedheid alleen heeft mij zoo gelukkig gemaakt. Goedheid, Liefde is Uw natuur. Dank derhalve, o mijn God, dank, uit het diepste van mijn hart: geef mij slechts de genade mijne erkentelijkheid duizendvoud, ja tot in het oneindige te kunnen vermeerderen. Amen.

GEBED TOT DE H. MAAGD.

Van den H. Ephrem.

Maria, Moeder van God, bid voor mij om der wille van Uwe overgroote erbarming. Gij zijt immers de Moeder van den liefdevollen Minnaar der menschen. Door U kennen wij Gods Zoon; door U is de God der Heerscharen Emmanuel, dat is, de God met ons geworden, door U hebben wij verdiend gevoed te worden met Zijn allerheiligst Lichaam en Bloed. O houd niet op, bidden wij U, onze voorspraak te zijn, opdat wij aan de listen en lagen onzer vijanden ontsnappen, gered worden door Uwe moederlijke bescherming, en den Eenigen God, den Schêpper van alle dingen, lof en eer mogen bewijzen in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

ocr page 131

y.

Op den feestdag ran liet Goddelijk Hart Tau Jesus, eu op de eerste Yrtjdageo der mnand.

MORGENGROET van de H. Mechülda.

s|||ik aanbid, prijs en groet U, o Heilig Hart C-sK van Jesus, waar elk oogenblik, als uit eene genadebron, alle goed en alle troost ontspringt. Met alle krachten mijner ziel dank ik U, dat Gij dezen nacht over mij gewaakt hebt, en voor mij, aan God, Uw Vader, den verschuldigden lof en dankzegging hebt opgedragen. Thans bied ik ü, o beminnelijke Jesus, mijn hart, hoe onwaardig ook, tot offer aan, en met alle mogelijke godsvrucht sluit ik het in het uwe. Ik smeek U, er Uwe goddelijke genade in uit te storten, en het door Uwe heilige liefde te ontvlammen. Amen.

ACTE VAN BEROUW van den H. Alphonsus.

Aanbiddelijk Hart van mijn Jesus, Hart, geschapen om de menschen te beminnen, tot

ocr page 132

126

heden heb ik U niets dan ondank weergegeven. Vergeef het mij, o Jesus ! Hart van mijn Jesus, hoe is liet mogelijk, dat ik bij het zien van Uwe goedheid en mijne ondankbaarheid, niet van droefheid sterf? Gij, mijn schepper, hebt mij uit het niet voortgebracht, uw Bloed en leven voor mij geschonken. Maar daarmede niet voldaan, vindt gij bovendien in het H. Sacrament Uwer liefde nog het middel U dagelijks voor mij op te offeren, ondanks de beleedigingen en verguizingen, waaraan Gij bloot zoudt staan. Ach Jesus, vervul mijn hart met een groot berouw over mijne zonden en een vurige liefde tot de genade om in een vurige liefde tot U tot, mijn laatste zucht te volharden. Amen.

GEBED OM EEN WARE GESTELTENIS.

Van den Gel. Henr. Suso. O levendige vrucht, o zoete knop, o aangename Paradijsappel van het Hart des Vaders, zoete druif van Cypre in den wijngaard van Engaddi, hoe zal ik U heden waardig ontvangen? Hoe kan ik U genot doen vinden om in mij te komen wonen en nooit meer van mij te scheiden? O eindloos Goed, dat hemel en aarde vervult, neig U heden ge-1 nadig tot mij, en versmaad quot;üw arm schepsel niet. Heer, zoo ik U niet waardig ben, ik heb toch behoefte aan U. O allerzoetste,

ocr page 133

127

hebt Gij «iet geheel de aarde met één woord geschapen? Met één woord kunt gij dus ook mijn ziel gezond maken. O Heer, handel dan met met mij volgens Uw genade en oneindige barmhartigheid, maar niet volgens hetgeen ik verdiend heb. Gij zijt het onschuldige Lam, heden voor alle menschen geslacht. O Hemelbrood, zoo zoet en zoo aangenaam, dat zich richt naar een ieders smaak cn hartsverlangen, verkwik op dezen dag mijn dorstige ziel. Eeuwige wijsheid, bezoek mij zoo krachtig, dat alle mijne vijanden op de vlucht slaan, alle mijne gebreken verdwijnen, en alle mijne zonden worden kwijtgescholden. Verlicht mijn verstand door het licht van üw waar geloof; ontvlam mijn hart door Uwe zoete liefde, beur mijn gemoed op door Uwe troostvolle tegenwoordigheid, en geef al mijn vermogens deugd en volmaaktheid. Behoed mij bij mijn dood, om U eenmaal van aanschijn tot aanschijn te genieten in de eeuwige zaligheid. Amen.

ONTBOEZEMING van den Gelukz. Henricus Suso.

O mijn Jesus, mijn zoete liefde, hoe kwijnt

mijn ziel naar U ! O Wijsheid, troost mijne ziel. Uwe arme dienaresse, ik sluimer in Uw

schaduw, doch mijn hart waakt en verbeidt.

ocr page 134

128

Allerbeminnenswaardigste Jesus, verander mijn arm hart in Uw Heilig Hart. Laat de smarten, die Gij hebt geleden. Uw Hart met het mijne vereenigen en mij Uw Hart altijd beminnelijk doen vinden.

Ach, zoete Jesus, Gij zijt het schoonste wat er is voor het oog, het zoetste wat er is voor den smaak, het streelends wat er is voor het gevoel, het beminnelijkste wat er is voor het hart. O duizendwerf gelukkig hij, die U kan dienen, gelijk gij het waardig zijt !

AANBIEDING.

O, Jesus, oneindig heilige, aanbiddenswaar-dige God, Opperheer des Heelals, ik bied U deze H. Communie aan, om de liefde van Uw Heilig Hart te verwerven, en de deugden vnn dat Hart trouwer na te volgen, en het inwendig leven te betrachten. Ik verlang cono eereboete te doen voor alle oneerbiedigheden en heiligschennissen, U in het Sacrament des Altaars, ook door mij, aangedaan. Ik draag deze H. Communie op voor den bloei der Kerk, Uw Bruid, voor de bekeering der zondaars en voor de verlossing der zielen in het Vagevuur. Verleen mij allo aflaten hieraan verbonden.

OPDKACHT VAN ZICH ZELVEN.

Fan de H. Catharina van Senen.

O Hart, o vat dat overvloeit, om ons dron-

ocr page 135

129

ken te maken van liefde, en alle verlangens der liefde te bevredigen! Gij geeft vreugde. Gij verlicht het verstand. Gij vervult de gedachte, Gij boeit zoo onweerstaanbaar, dat het onmogelijk is iets anders lief te hebben, te begrijpen of te herdenken, dan dien goeden en zoeten Jesus. O vuur, o onuitsprekeliike liefde!

O Goddelijke, vlekkelooze Bruidegom, waarom deedt Gij na Uw dood nog Uw zijde openen? Waarom liet Gij Uw Hart doorsteken? Ach, het was omdat Uwe liefde haar oneindigheid nog niet ten volle geopen-baard had. Gij wildet mij het groote Geheim Uws Harten leeren kennen, en daarom moest dat Hart geopend worden, om mij te laten zien, dat Gij mij nog meer bemindet, dan Uw dood mij reeds deed zien.

In uwe zijde, gekruiste Jesus, zal ik mij verbergen, en er mij op toeleggen dat Geheim uws Harten te kennen en te begrijpen. Ontvlam er mij van liefde op het zien van die schuilplaats mij daar bereid tegen de slagen mijner vijanden, van dat rustoord, waar mijn ziel verzadiging vindt voor den gloed harer liefde. Ik zal er nog heden mijn voedsel. Uw quot;Vleesch en Bloed, mij gegeven tot spijs en drank, nuttigen.

Gij hebt ons een boek gegeven, o Jesus, dat voor iedereen, hoe zwak ook van gezicht

6*

ocr page 136

130

of begrip, leesbaar is. Dat boek zal ik lezen, en mij verheffen tot aan Uw liefde, tot aan de bron van dat vuur, de wonde Uwer zijde, waar Gij het Geheim Uws Harten doet kennen, eji ons toont, dat Uw lijden en dood U niet voldoende waren om ons te laten zien, hoezeer Gij ons bemindet.

LAATSTE VERZUCHTINGEN VAN VOORBEREIDING.

O Jesus, mijn God en Zaligmaker, open mij Uw Goddelijk Hart; neig Uw Hart tot mij en verhef het mijne. Vereenig Uw hart met het mijne, opdat beide slechts één uitmaken. Mijn hart versmacht naar U alleen; liet bemint U boven alles. Ach, wanneer zal mijn hart geheel in U opgaan? Kom, vervul mijn wenschcn en voltooi mijn geluk; kom. Goddelijke Zaligmaker, kom!

O Jesus, er kan geen liefde met de Uwe worden vergeleken! Op het Kruis vingt Gij Uw offer voor mij aan, in mijn hart voleindigt Gij het. Ach, hoe is het mogelijk, dat Gij een hart als het mijne tot woning wilt nemen? Doe mij begrijpen, hoe ik U moet beminnen; vurig verlangt mijn ziel naar U. Mijn hart is het werk Uwer handen, naar Uw beeld en naar Uw gelijkenis gevormd; weldra zal het Uw Tabernakel worden. Treed in de woning, die mijn hart U biedt. Zuiver het van alles, wat U daar nog mishaagt.

ocr page 137

131

Ontvang het Offer van al mijn neigingen, en verblijf als een God vol Majesteit en Heiligheid in het door U uitverkoren Tabernakel. Druk Uzelf nog volmaakter uit in mijn hart; neem er alles weg, wat op het Uwe niet gelijkt, en grif er al Uwe trekken in.

O Jesus, mijn Liefde en mijn Leven, treedt binnen in mijn hart. Het staat open voor U; het verlangt naar ü. Aanvaard mijn hart, dat zich aan U schenkt. Maak het standvastig, en steun het in zijn wankelmoedigheid. Laat liet bij Uw komst zijn geluk gevoelen en voor immer sterven aan de zonde.

NA DE H. COMMUNIE.

DANKZEGGING.

O genade! o geluk! Ik bezit God in mijn kart; Hij is bij mij en in mij; Zijn Hart en het mijne vormen als maar één.

O Jesus, welbeminde mijner ziel. Gij hebt mij Uw Heilig Hart in de Communie geschonken ; ach kon ik mij thans in lofprijzingen en dankbetuigingen verheffen! God der Hemelen, Uw liefde heeft U tot mijn nietigheid doen neerdalen; üw liefde heeft mij tot U verheven. Nu zijn wij vereenigd: Gij) mijn mijn Schepper en mijn Zaligmaker, en ik, een arm zondaar, een nietig schepsel. Wat zal ik U wedergeven voor al Uw weldaden? Gij

ocr page 138

132

vordert mijn hart; o Jesus, mijn Opperst Geluk, het is mij een troost het ü aan te mogen bieden. Hier is het, ik draag het ü geheel op. Aanvaard het, mijn Zaligmaker, hoe nietswaardig het ook is; verstoot het niet van ü, hoe vaak het ü ook verstooten hebbe. Neem het, verruim het, deel het den gloed mede van Uw brandend Hart, laat mij eindelijk eens liefde voor liefde wedersohenken.

AANBIEDING.

Vm de H. Maria Margaretha.

Eeuwige Vader, vergun mij U het Hart van Jesus Christus, Uwen welbeminden Zoon aan te bieden, gelijk Hij het U zelf als zoenoffer heeft opgedragen.. Aanvaard dit offer voor mij, met alle verlangens, gevoelens, neigingen, bewegingen en handelingen van dit allerheiligst Hart. Zij zijn allen de mijnen, door dat Hij zich voor mij heeft opgeofferd, en ik wensch voortaan geen andere verlangens te hebben dan de Zijnen. Aanvaard ze als voldoening voor mijne zonden, en als dankbetuiging voor al Uwe weldaden. Verleen mij door Zijne verdiensten alle genaden die ik ter mijner zaligheid noodig heb, en inzonderheid de volharding tot het einde toe. Ontvang dit offer ook als zooveel betuigingen

ocr page 139

133

van liefde, vereering en aanbidding, welke ik Uwe Goddelijke Majesteit bewijs, daar Gij alleen door Jesus Hart op waardige wijze wordt geprezen en verheerlijkt. Amen.

GEBED.

Van den Eerb. Lttdovicus van Grenada.

0 allerheiligste Hartewonde mijns Zaligmakers, eerder door de liefde dan door de lans geopend! O stroom van het hemelsch lusthof, dat met zijn wateren de aarde besproeit! Deur des hemels, opening van het Paradijs, verzekerd toevluchtsoord, onoverwinnelijke sterkte, heiligdom der vromen, schuilplaats der reine duiven, leger van Salomon's Bruid, met bloemen overdekt, wees mij gegroet! Allerheiligste wonde van het Goddelijk Hart, gij kwetst de harten der godvruchtige zielen; heilige opening, gij dringt op uwe beurt de zielen der rechtvaardigen binnen. Kostbare parel, geheimzinnige toegang tot het Hart van Jesus, heerlijk getuigenis van Zijne liefde, voornaamste onderpand van het eeuwige leven, door U treedt men binnen in de ware ark van Noë, om aan den zondvloed te ontkomen. Gij verjaagt de bekoringen, lenigt de droefheid, heelt onze kwalen. Gij verzoent den zondaar, doet den dolende en den balling zacht rusten en

ocr page 140

134

sluimeren. O vuuroven van liefde, liuis des vredes, schatkist der Kerk, springader des waters ten eeuwigen leven. Mijn Heer en mijn God, open mij deze deure, doe mijn hart dat oord van zalige wellusten binnengaan. Dat die wonde mij tot doorgang strekke om tot aan den zetel Uwer liefde door te dringen. Geef dat ik mijn dorst lessche aan deze zoete bron, dat ik gezuiverd worde door het goddelijk water dier wonde, en mij dronken drinke aan het kostbare, daaruit vlietende vocht, namentlijk Uw Heilig Bloed. Geef dat mijn ziel ruste op dien aanbiddelijken boezem, om er alle dwaasheden der wereld te vergeten, er mijn voedsel en vrede te vinden, en eeuwig met den profeet te herhalen: '/Hier is de plaats mijner rust; hier blijf ik wonen, want deze plaats heb ik verkoren;/. Amen.

BELOÏTEN AAN JESUS.

Van de U. Calharinu can Henen.

Naar Uw voorbeeld, o Goddelijk Hart van mijn Jesus, zal ik voortaan tot eer en glorie van Uw naam, alles verdragen, wat God aan mij toe zal laten, alle pijnen naar lichaam en ziel,v alle aanvallen van den duivel en de menschen. Ik wil door U tot den Vader gaan, want Gij zijt de weg en de waarheid.

ocr page 141

135

en zij, die dezen weg gaan, wandelen in het licht, zonder ooit in het duistere te dwalen. Langs dien Weg zal ik tot Uwe zijde komen en er het leven der genade vinden. Dan zal ik den ouden mensoh afleggen door een heiligen haat aan de zonde en de zinnelijke neigingen, een haat, zooals Uw Goddelijk Hart mij te lezen geeft. Want dat Hart heeft immers zoo de zonde gehaat, dat het haar aan Uw lichaam heeft willen doen boeten. In dat geopend Hart zal ik ook liefde vinden voor een waar, degelijk, godsdienstig leven, want die goddelijke wonde toont mij Uw gloeiende liefde, schenkt mij als een bad van Bloed, gemengd met het vuur der goddelijke liefde.

In dat Bloed, gekruiste Jesus, zal ik mij dompelen, om de melaatschheid mijner ziel te zuiveren, in die Wonde Uwer Zijde zal ik mij verbergen en er het Geheim Uws Harten doorschouwen. En ziende, dat Gij al wat (iij deedt uit liefde tot ons hebt verricht, zal ik U liefde voor liefde wedergeven.

Ach, Goddelijke Bruidegom, hoe zou het mij nog mogelijk zijn niet in Uw voetspoor te treden, en met liefde te lijdeia al wat God mij zendt, en op welke wijze ook Hij het mij toe laat komen ? Met heilige gelatenheid en waarachtigen ootmoed zal ik opstaan, allerzachtst Lam, om U met Uw edelmoediar en

ocr page 142

136

liefdevol Hart te volgen. Ik zal mij voor ü ten offer brengen, gelijk Gij ü hebt ten offer gebracht voor mij, toen Gij om mij het leven der ziel te geven, zelf het leven des lichaam s prijs gaf j toen Gij, om ons Uw liefde te bewijzen, Uw Hart opendet en ons na Uw dood in Uw Bloed deedt baden. O, zoo ik mij verberg in de wond Uwer zijde, en mij nooit weder afscheid van Uw Hart, zal ik niet behoeven te vreezen. Eenmaal daar binnengetreden, vind ik er èn vreugd èn zoetheid èn streelende geuren, welke ik nimmer weer verliezen wil. Want Uw Hart is een schatkamer van geuren en barmhartigheden, van barmhartigheden, welke genaden meedeelen en tot het eeuwig leven voeren, waar het leven geen dood kent, de bevrediging geen tegenzin, de honger geen kwelling, de volmaakte vreugd geen mengeling van smart, en waar alle kommer en alle verlangen van het schepsel gestild wordt. Amen.

TOEWIJDING AAN HET GODDELIJK HART VAN JESUS !

Van de H. Maria Margaretha.

Ik N. N. wijd aan U, o Heilig Hart van Onzen Heer Jesus Christus, geheel mijn persoon en mijn leven; mijne handelingen, moeilijkheden en lijden, om voortaan van al wat het mijne is, geen gebruik te maken, dan om

ocr page 143

137

U, o Heilig Hart te beminnen, te vereeren en te verheerlijken. Ja, dit is mijn onherroepelijke wil, geheel aan Jesus Hart toe te behooren, alles uit liefde tot dit Hart te verrichten, en uit geheel mijn hart alles te verzaken, wat aan dit goddelijk Hart mishaagt. Ik neem U dus, o Heilig Hart, tot het eenig voorwerp mijner liefde, tot beschermer van mijn leven, tot waarborg mijner zaligheid, tot steun mijner zwakheid, tot hersteller van al mijne zonden, tot veilige schuilplaats in het uur des doods, o wees dan ook. Hart vol goedheid, mijn rechtvaardiging bij God den Vader^ en wend de straffen Zijner rechtvaardige gramschap van mij af. 0 Hart vol liefde, ik stel op U al mijn betrouwen; ik vrees alles van mijne zwakheid, maar hoop alles van Uwe goedheid. Vernietig in mij alles wat U zou kunnen mishagen of weerstaan, en laat Uwe zuivere liefde zóó diep in mijn hart geprent zijn, dat ik U nooit meer kunne vergeten, of van U gescheiden worden. Goddelijk Hart, ik smeek U door Uwe oneindige goedheid, mijne naam diep in Uw Hart te griften, want in Uwe dienst wil ik leven en sterven. Amen.

ocr page 144

VI.

In den Vastentijd en voor lieu, die by de Heilig'e Coinmniiic het lijden en den dood van Jesus Christus willen overwegen.

VOOBBEREIDINGSGEBED.

Fan den H. Franciscus van Assicië.

erp een blik, o Heer, God, hemelsche Vader, op het verheerlijkte aanschijn van Uwen Gezalfde, en heb medelijden. Erbarm U over mij en over de overige zondaars, voor welke Uw gezegende Zoon, onze Heer, zich gewaardigd heeft te sterven, en voor wie Hij tot vertroosting en zaligheid in Zijn allerheiligst Altaar-Sacrament met ons wil verblijven, met welken Goddelijken Zoon, Gij met den H. Geest één God zijt, en leeft in de eeuwen der eeuwen. Amen.

OVERWEGING.

ycm den Gel. llenr. Suso.

Eeuwige Wijsheid, herinner a het oogcnblik.

w

ocr page 145

139

dat Gij, na het laatste Avondmaal, in den hof van angst baaddet in bloedig zweet; — dat Gij werdt gevangen genomen, geboeid en schandelijk weggesleurd; — dat Gij in den nacht in het aangezicht werdt geslagen, bespot, en geblinddoekt;— dat Gij vóór Kaïphas werdt beschimpt en des doods schuldig verklaard; — dat Gij door uwe lieve Moeder met peilloos diepe zielesmart werdt aanschouwd; — dat Gij vóór Pilatus werdt gebracht, valsch beschuldigd, en ter dood veroordeeld; — dat Gij, Eeuwige Wijsheid, vóór Herodes als een dwaze werdt bespot ; — dat Uw allerschoonst Lichaam door ontelbare geeselslagen werd vaneen gereten en verminkt; — dat Uw teeder hoofd met scherpe doornen werd doorboord, en daardoor Uw beminnelijk aangezicht met bloed bedekt; waarna Gij schandig en erbarmelijk onder Uw kruis ter strafplaats werd geleid.

Ach, mijn eenige toeverlaat, kom mij altoos in al mijn nood te hulp. Bevrijd mij van de zware boeien der zonde; bewaar mij voor verborgen misdaden; bescherm mij tegen de valsche ingevingen van mijn vijand en voor alle oorzaken van zonden; laat mij diep Uw lijden en dat Uwer lieve Moeder gevoelen. Heer, oordeel mij barmhartig na mijn verscheiden, leer mij den roem der wereld versmaden, en U met wijsheid dienen. Gcners

ocr page 146

140

al mijn fouten in Uwe wonden; sterk door de smarten van Uw Goddelijk hoofd mijn verstand tegen alle aanvechting en laat mij Uw lijden naar vermogen navolgen.

Beminnenswaardige Heer, om het breken van Uw heldere oogen op den hoogsn boom des Kruises; — om het kwetsen van Uwe Goddelijke ooren door spot en smaad; om het kwellen van Uw reuk; — om de marteling van Uw smaak door bitteren drank, en van het gevoel door wreede slagen, bid ik U, mijn oogen te behoeden voor alle ongeoorloofde blikken, mijn gehoor voor alle ijdele woorden. Heer, ontneem mij den smaak voor het zinnelijke; onthecht mij van het tijdelijke, en bevrijd mij van alle overdreven zorg voor mijn lichaam.

Zoetste Heer, door het lijden en liet ongemak van Uw op de borst gezonken hoofd; door de pijnen van Uwen hals; door het bezoedelen met speeksel en slijk van Uw heilig aangezicht; door het verbleeken van Uw reine gelaatskleur; door het ontzenuwen van al Uwe ledematen, geef mij de genade lichamelijk ongemak lief te hebben, al mijn rust in U te zoeken, het leed, door anderen mij aangedaan, gereedelijk te lijden, naar vernedering te verlangee, mijn begeerten af

ocr page 147

141

I ^001 I te sterven,

mijn strijden, it mij ' J

en al mijn neigingen te be-

Beminnelijke Heer! door liet doornagelen Uwer handen; — door liet spannen en rekken Uwer armen; — door het doorboren van Uwe voeten; — door de wreedaardig gedwongen houding van Uw lichaam; — door de vermoeienis van Uwe beenderen; — door het harde hout, dat al uwe zachte ledematen pijnigde; — door het geronnen bloed Uwer handen; — bid ik U, mij in voor- en tegenspoed aan U als vast te nagelen, al mijn vermogens naar lichaam en ziel aan Uw kruis te hechten, mijn geest en hart aan U te binden. Maak mij onbekwaam lichamelijk genot te genieten, maar vaardig om Uw lof en eer te zoeken. Vurig verlang ik, dat er geen enkel mijner ledematen het beeld van Uwen dood niet in zich draagt, of niet een teeken van gelijkheid met Uw lijden toont.

J

Allerzoetste Heer, aan het Kruis verwelkte en verdorde Uw frisch en bloeiend lichaam; — Uwe fijn gevoelige schouderen werden gepijnigd op den harden kruisbalk; — Uw lichaam kromp ineen, geheel door wonden verscheurd. En dat alles leed Uw heilig Hart met liefde!

ocr page 148

142

Heer, Uw verdorren strekke mij tot fris-schen bloei; Uw hard leger tot zachte rust der ziel; Uw ineenkrimpen mij tot opricliting; alle Uwe smarten tot verzachting der mijne; Uw minnelijk Hart tot ontvlamming van het mijne.

Beminnenswaardige Heer, in Uwen doodsnood werdt Gij bespot met smadelijke woorden en spottende gebaren, ten diepste werdt Gij in Uwe ziel vernederd; maar dit alles ver-duurdet Gij standvastig. Uw Vader voor die onverlaten biddend. Ach, onschuldig Lam, hoe werdt Gij met boosdoeners gelijk gesteld, en door den kwaden moordenaar vervloekt! Maar de goede riep U aan; Gij vergaaft hem al zijne zonden, en opendet hem het Paradijs des hemels.

Leer my, o beminnenswaardige Heer, alle smadelijke woorden, alle bespottingen, alle vernederingen om Uwentwille standvastig verdragen, en mijn beleedigers met liefde vergiffenis schenken. Ach, eindelooze goedheid, ik offer heden Uwen onschuldigen dood aan den hemelschen Vader voor mijn schuldig leven. Heer, ik roep U met den goeden moordenaar toe: Gedenk mijner, gedenk mijner in Uw rijk! Verwerp mij niet om mijn misdaden; vergeef mij mijn zonden; open mij Uw Paradijs.

Allerzoetste Heer, om mijnentwille werdt

ocr page 149

143

Gij - ieder oogenblik van alle menschen verlaten; — Uwe vrienden verloochenden ü; — naakt, van eere en kleeren beroofd, hingt Gij daar; —Uwe kracht scheen U ontzonken; — zonder erbarming werdt Gij bejegend, en dat alles leedt Gij stil en zonder tegenweer. Ach, wat moet er in Uw Hart zijn omgegaan, toen Gij tot op den grond van het hart Uwer zoete Moeder zaagt wat zij leed. Haar droevige houding bemerktet. Haar diepe zuchten vernaamt; toen Gij bij de scheiding den beminden leerling aanbevoolt in Haar moederlijke trouw, en Haar aan de kinderlijke verknochtheid van deze.

O, zacht toonbeeld van alle deugden, ruk alle ongeregelde liefde voor de schepselen uit mijn hart, alle genegenheid, w-elke mij zou kunnen schaden. Neem van mij alle ongeduld, geef mij vastheid tegenover alle booze geesten, zachtmoedigheid tegenover alle menschen. O goede Jesus, druk Uwen bitteren dood in het diepste van mijn hart, beziel er mede mijn gebed en al mijn handelingen. O zoete Heer, ik beveel mij heden in de voortdurende trouw en hoede van Uwe zachte, reine Moeder, en Uwen geliefden leerling.

GEBED TOT DEN GEKUUISTEK JESUS.

Van den 11. Paus Pii/s V.

Jesus Christus, mijn gekruiste Heer, Zoon

r7

ocr page 150

144

der H. Maagd Maria, open Uwe ooren en lioor mij, even als Gij op den berg Thabor Uwen Vader gehoord hebt. Onze Vader; Wees gegroet; Ik geloof in God den Vader.

Jesus Christus, mijn gekruiste Heer, Zoon der H. Maagd Maria, open Uwe oogen, en zie naar mij, even als Gij op het Kruis naar Uwe beminde, bedroefde Moeder gezien hebt. Onze Vader; Wees gegroet; Ik geloof in God den Vader...

Jesus Christus, mijn gekruiste Heer, Zoon der Heilige Maagd Maria, open Uwen mond en spreek tot mij, even als Gij tot Johannes hebt gesproken, toen hij Maria tot Moeder van U ontving. Onze Vader; Wees gegroet; Ik geloof in God den Vader...

Jesus Christus, mijn gekruiste Heer, open Uwe armen, en omhels mij, even als Gij op het Kruis Uwe armen uitgestrekt hebt om de geheele menschheid te omvatten. Onze Vader; Wees gegroet; Ik geloof in God den Vader...

Jesus Christus, mijn gekruiste Heer, Zoon der Heilige Maagd Maria, open mij Uw Hart, ontvang het mijne, en schenk mij wat ik U vraag, zoo het U aangenaam is. Onze Vader; Wees gegroet; Ik geloof in God den Vader...

ocr page 151

145

LAATSTE VERZUCHTINGEN.

Van den H. Uernardus.

Mijn Heer en God, Jesus Christus, bij al Owe andere onschatbare weldaden, hebt Gij Uw rechterzijde om mijnentwille nog laten doorboren, ten teeken, dat Gij mij niet dan aan Uw rechterzijde wildet laven, niet dan aan Uw rechterzijde mij een schuilplaats bereiden. Ach, verleen mij te mogen zijn als de duif, die zich gevestigd heeft in de opening van de rots, doch slechts in de opening der rechterzijde.

NA DE H. COMMUNIE.

Ik heb Hem gevonden, dien myn hart bemint j ik bezit Hem, ik zal Hem niet meer verlaten. O Jesus, mijn Koning, heb medelijden met mijn ellende en mijn kwellingen. Gij, mijn Rechter, vergeef mij al mijn zonden. Gij, mijn Geneesmeester, heel al mijn gebreken. Laat mijn vereeniging met U, den Bruidegom mijner ziel, eeuwig van duur wezen. Gij, mijn Gids en mijn Beschermer, neem mij bij de hand en verdedig mij tegen al mijn vyanden. Omdat Gij U voor mij tot een Slachtoffer hebt gemaakt, wil ik U dagelijks een offer van eerbewijzingen brengen. Gij,

7

ocr page 152

146

mijn Verlosser, bevrijd mijn ziel van de dwingelandij des duivels en verleen mij vermeerdering der lieiligmakende genade.

Wat kan ik nog aan de hemelen en aan de aarde vragen, nu Gij, o God mijns harten, mijn deel voor tijd en eeuwigheid, in mij woont ?

GEBED ÏOÏ JESUS OP DEN KBXISWEG. Van de H. Catharina van Senen.

O eeuwige Waarheid, wat is Uw leer, welken weg moeten wij volgen om tot Uwen Vader te geraken? Ik ken geen anderen dan dezen, welken Gij door Uw kostbaar Bloed besproeid hebt, en dien Gij bevestigd hebt door de bewonderenswaardige deugden van Uwe brandende liefde. Dat is van nu aan ook onze weg, o afgrond van liefde. Geef mij de genade, smeek ik U, Uwe waarheid met een oprecht hart te volgen. Verleen mij voortdurend te verlangen om Uwentwil te lijden. Geef een bron van tranen, o mijn Vader, aan mijne oogen, om voor de geheele wereld en voor Uwe Bruid, de H. Kerk, barmhartigheid te verwerven. Heer, ik heb gezondigd; heb medelijden met mij. Amen.

ocr page 153

147

OVEIVWEGING. 1)

fr'an den Gel. Henr. Sim.

ïeedere Moeder, gedenk heden liet eindeloos harteleed, dat Gij ondergingt bij Let ontmoeten van Uwen veelgeliefden, stervenden Zoon. Gij vermoolit Hem niet te liulj) komen ; — Zijn aanblik veroorzaakte U onnoemelijke smart; — Gij beklaagdet hitter Zijn lot en troosttet Hem vol liefde. Zijn goddelijke woorden doorboorden Uw Hart. TJw klagen ontroerde versteende harten; beurtelings handenwringend en Zijn Goddelijk Bloed eerbiedig kussende, stond Gij daar onder het Kruis, tot Gij krachteloos ineenzonkt.

O Moeder van alle genaden, behoed mij moederlijk gedurende geheel mijn leven, bewaar mij genadig in het uur mijns doods. O dat zal het oogenblik zijn, waarop ik zal wen-sehen alle de dagen mijns levens üw kind te zijn geweest. Dan zal ik in hart en ziel verschrikt zijn, uit alle macht, die nog in mij is, bidden en smeeken, zonder dat ik weet lot wien mij te wenden. Daarom, onmetelijke

i) Deze overweging vormt met die van vóór de H. Communie een geheel. Wij hebben haar hier gesplitst om haar ten deele ook na de H. Communie, zooals het zeer gevoegelijk kan, te laten houden. Men kan deze oefening ook verrichten in den namiddag van den Goeden Vrijdag.

ocr page 154

148

afgrond van erbarming, val ik U heden te voet, en verzucht innig uit den grond mijns harten, op dat oogenblik üw bezoek waardig te zijn en te ontvangen. Want wat zal mij kunnen doen vreezen, wat mij schaden, als Gij, reine Moeder, mij behoedt?

Ach, mijn eenige toevlucht, bescherm mij dan tegen den hangen aanbik der booze geesten; wees mij behulpzaam en behoed er mij voor van in de handen mijner vijanden te vallen. Troost mijn zuchten, sla Uwe barmhartige oogen op mijn doodelijke zwakte, bied mij Uwe moederlijke hand, ontvang mijn arme ziel, voer haar met Uw beminnelijk aangezicht voor den Hoogen Hechter en bevestig haar in de eeuwige zaligheid. Amen.

O welgevallen des hemelschen Vaders, hoe wordt Gij in den laatsten strijd bij al Uw uitwendige smarten ook inwendig van zoetheid en troost beroofd, üw geroep drong erbarmelijk door tot üwen Vader. Maar innig bleef üw wil één met de Zijne. Heer, een wreede dorst kwelde Uwe tong; de dorst üwer liefde pijnigde Uw hart; een bittere drank laafde U. En toen alles volbracht was, spraakt Gij; Het is volbracht. Gij waart Uwen Vader gehoorzaam tot aan den dood, beveeldet Uwen geest in Zijne vaderlijke handen; en Uw ziel scheidde van Uw Goddelijk Lichaam.

ocr page 155

149

Ach, minnelijke Heer, in deze liefde bid ik U, mij altoos in mijn lijden bij te staan, altoos aan mijn geroep het oor te leenen, en mij een wil te geven, volkomen met den Uwe vereenigd. Neem van mij weg, o Heer, alle dorst naar het tijdelijke, maar doe mij branden voor het eeuwige. Verkeer, allerzoetste Heer, door Uwen bitteren drank al mijn wederwaardigheden in zoetheid. Verleen mijne gedachten en werken de volharding in het goede, en laat mij nimmermeer mijzelf aan het juk Uwer gehoorzaamheid onttrekken.

Eeuwige Wijsheid, in Uwe handen beveel ik op dezen dag mijnen geest, opdat Gij dien bij mijn sterven met blijdschap ontvangt. Geef mij thans, o Heer, een leven, dat U welgevallig is, een dood, die voorbereid is, een uiteinde, dat door U verzekerd is. Maak, door Uwen bitteren dood, mijn geringe werken verdienstelijk, zoodat mijne schulden en boeten op dat oogenblik geheel uitgedelgd zijn.

Herinner U, o Heer, hoe de scherpe lans Uwe Goddelijke zijde doorwond heeft; hoe Uw kostbaar, roodgekleurd Bloed daaruit vloeide; hoe het water des levens zich daarbij mengde; hoe Gij mij aldus tegen een grooten prijs hebt moeten koopen, en hoe Gij mij vrijwillig zijt komen verlossen.

O minnelijke Heer, moge die diepe Wonde

ocr page 156

150

mij tegen ïil mijn vijanden beschennen; dit water des levens mij reinigen van al mijn zonden; dit roodgekleurd Bloed mij sieren met alle deugden en genaden. O zoete Heer, bind mij aan TJ, die mij zoo zuur verdiend hebt, maak mij één met U, die mij zoo liefdevol verlostet.

Ach, uitverkoren Troost van alle zondaren, zachte Koningin, herinnert U het oogenblik, dat Gij onder het Kruis stondt, en Uw Kind daar ontzield nederhing. Wat pijnlijke aanblik moet dat voor U geweest zijn! Moederlijk ontvingt Gij hem vervolgens in Uwe armen, met innigen trouw liet Gij zijn hoofd tegen Uw aangezicht rusten, en druktet Uwe lippen op Zijn wonden en levenloos gelaat. Ach, hoe menige doodelijke wond moet Uw Hart daar niet ontvangen hebben! Hoe menige diepe zucht ontsnapte Uwe lippen! Wat een vloed van bittere tranen stroomde U over het gelaat! Gij klaagdet zoo diep medelijdenswaardig ! Geheel Uw houding getuigde van zooveel smart! En daar was niemand die Uw droevig Hart eenigen troost kon bieden.

O, reine Vrouwe, gedenk heel mijn leven mijn voortdurende schutse en getrouwe leidster te zijn. Sla immer Uw oog, dat moederoog, erbarmend op mij neder. Ontvang mij als een moeder telkens wanneer ik bij U hulp kom zoeken. Bescherm mij in Uwe teedere

ocr page 157

151

armen tegen alle vijanden. Door Uw kussen Zijner Wonden, verzoen mij met Uw Zoon. Door Uw doodelijke droefheden, schenk mij een hartgrondig berouw. Door Uwe diepe zuchten, werk in mij een voortdurend verlangen naar den Hemel en door Uwe bittere tranen verteeder mijn hart. Door Uw klagen schenk mij een afkeer voor alle ij dele en nuttelooze woorden; door Uw treurige houding maak mij ingetogen; door üw troosteloos Hart versmading van alle gehechtheid voor wat voorbijgaat.

0 liefelijke glans van het eeuwige Licht, wat zijt Gij thans, nu ik U van het Kruis op den schoot Uwer treurende Moeder zie nederliggen, geheel verflauwd en kwijnend. Ach, doe aldus ook in mij het vuur der kwade begeerlijkheid verflauwen en kwijnen.

O zuivere spiegel der Goddelijke Majesteit, wat zijt Gij van liefde tot mij thans bevlekt! Reinig in mij mijn overgroote misdaden.

O schoon en lichtend beeld der goedheid van den Vader, wat zijt Gij geheel geschonden ! Herstel thans het beeld, dat in mijn ziel geschonden is.

O schuldeloos Lam, wat zijt Gij gruwzaam mishandelt! Boet voor mij uit het schuldige, zondige leven, dat ik geleid heb.

O Koning der Koningen, Heer der Heeren, verleen mij, gelijk mijne ziel U thans in Uw

ocr page 158

152

verlatenheid ontvangt met klagen en geween, dat zij eenmaal door TJ ontvangen worde met vreugde in Uwe eeuwige klaarheid.

O beminnenswaardige Moeder, gedenk heden de droefheid, die Gij gevoeldet, toen Uw gestorven Zoon aan Uw Hart rustte. Gedenk het jammerlijk afscheid van die plaats, dien ongelukkigen gang. Uw droevig Hart, en Uwe verknochtheid aan Hem, door Hem in al zijn nood bij te staan en Hem naar het graf te vergezellen.

Verwerf mij van Uw teeder Kind, dat ik door Zijn en Uw lijden al mijn lijden moge te boven komen; dat ik mijzelf in Zijn graf voor alle tijdelijke zorg opsluite; dat mij de geheele wereld zoo weinig goeds brenge, dat ik naar Hem alleen verzuchte, en dat ik tot aan het graf aan Zijn verheerlijking en dienst verknocht blijve. Amen.

GEBED TOT GOD DEN VADER.

Van den eerb. Taulerus.

O Vader van alle vertroosting, ik verlang zoo sterk in U bevestigd te woiden, als Uw Zoon, het eeuwig voorwerp van Uw welbehagen, aan het Kruis gehecht was, waarvan Hij niet heeft willen afgenomen worden, alvorens Hij mij had vrijgekocht en met U

ocr page 159

153

verzoend. Door deze overvloedige liefde, bid ik U, van immer na deze H. Communie zoo sterk met U vereenigd te zijn, en in deze vereeniging met U zoo standvastig te volharden, dat ik U nimmermeer kan verlaten, zelfs al zou de geheele wereld U verlaten hebben. Dit vraag ik U tevens, omljn God, voor allen, voor wien ik bizonder verplicht ben te bidden, en voor alle levenden en dooden. Amen.

GEBED OM LIEFDE VOOR JESÏÏ3 LIJDEN.

Van de JI. Gertrudis.

Heer Jesus! Zoon van den levenden God, verleen mij tot ü uit geheel mijn hart te verzuchten, met een brandend verlangen en eene dorstige ziel, dat ik niet ademe dan in U, mijn eenige zoetheid en troost, en kwijne van liefde tot U, mijn eenig heil. Druk, al-lerbarmhartigste Jesus, Uwe wonden diep in mijn hart, zoodat ik Uwe pijn en Uwe liefde gevoele, en de herinnering aan Uwe wonden er altoos levendig in blijve. Ja, Heer! druk Uwe H. wonden diep in mijn hart, opdat ik altijd doordrongen zij van een innig medelijden, en meer en meer worde ontvlamd, door een heilig liefdevuur. Ach! mocht mijn hart door de goddelijke kracht, welke thans door de H. Communie in mij leeft, ontrukt worden aan al het geschapene, en zich geheel aan U hechten, o Jesus! Amen.

7*

ocr page 160

VII.

Op den feestdag van 0. L. Trouw van den 11. Rozenkrans, of op andere Moeder-Gods-dagen, alsook gedurende de Helen Bozenkransniaand en op eiken eersten Zondag.

DE H. COMMUNIE IN VEUEENIGING MET MABIA.

Kaar den Gehkz. Grignon de Mont/ort.

mijn God, diep verneder ik mij voor Uw aanschijn. Ik verzaak aan mijne zoo geheel bedorvene natuur, en aan alle mijne neigingen, hoe onschuldig en hoe goed mijn eigenliefde mij die ook doe voorkomen. Nogmaals draag ik mij aan U op, en wijd mij gansch aan TJ toe.

O Maria, mijne dierbare Meesteres, ook de Uwe ben ik geheel en al, met alles wat ik heb. Schenk mij thans Uw Hart, want ik verlang niets vuriger dan in zulk een hart als het Uwe, met zulk een gesteldheid als Gij, Uwen Goddelijk en Zoon te ontvangen. Ach,

ocr page 161

155

wat een oneer voor dien God van majesteit in een hart te worden binnengeleid als het mijne, in een hart zoo ongestadig, zoo onvolmaakt, zoo geheel en al onwaardig. Doch Gij, Koningin der harten, door de heerschappij, welke U geschonken is over de harten, kunt in het mijne komen wonen om Uwen Zoon te verwelkomen. Gij kunt Uw Goddelijk Kind een ontvangst bereiden die Hem niet ont-eert, waarbij er niet te vreezen staat, dat Hem zijn glorie afbreuk zal worden gedaan. Want Hij is immers, volgens de getuigenis van den H. Geest zelven, in Uw midden, en met zulk een vastigheid, dat niets Hem in dat bezit kan schaden. •

Ach, mijne Moeder, wel heb ik mij aan U toegewijd, maar nederig moet ik bekennen, dat ik U daarmede slechts zeer weinig schenk, en U door dat nietswaardig geschenk maar zeer weinig heb geëerd. Doch heden kom ik U eeii ander geschenk aanbieden, het geschenk dat de Eeuwige Yader zelf U gegeven heeft. Uwen Geliefden Zoon, die straks in mij zal komen wonen. Door dat dierbaar pand U aan te bieden zal ik U meer glorie kunnen schenken, dan zoo ik de geheeïe wereld aan Uw voeten legde. Uw Jesus bemint U op geheel eenige wijze; in U stelt Hij al zijn welbehagen; in U vindt Hij zijn rust. O Maria, schenk mij dan Uw Hart. Mijne ziel is on-

ocr page 162

rein, armer dan de stal van Bethlehem. Doch in die stal wilde Hij verblijven, omdat Hij ü daar vond. Ook in mij zal Hij geen afkeer gevoelen, als Gij daar zijt. O kom dan in geheel mijn wezen, schenk mij Uw Hart!

AANROEPING VAN MAMA.

Fan den Geltikz. Henricus Suso.

O Maria, cenige, bewonderenswaardige, onvermoeibare Troosteres der zondaars, de oneindige goedheid Gods heeft U alle ongeluk-kigen dierbaar gemaakt; omdat Uw welwillend medelijden geen bedroefde zonder troost kan laten. Hoe groot is mijne vreugde, o allerzoetste Moeder, wanneer ik Uwe teedere liefde overweeg, en hoezeer gevoel ik mij dan aangemoedigd, versterkt en vervuld met hoop! Uw naam stort vreugde in mijn hart, o Maria, verhevene meesteres, koningin van hemel en aarde, altijd geopende deur der barmhartigheid; want eerder zou het ganseh heelal vergaan, dan dat Gij Uwen bijstand weigardet. Daarom zijt Gij ook des morgens bij mijn ontwaken en des avonds als ik mij ter ruste begeef, de eerste, tot wie mijne ziel verzucht, omdat ik weet, dat alles wat Uwe allerzuiverste handen aan God aanbieden. Hem aangenaam en dierbaar wordt, al zou het dan, als het mijne, in zich zelf niets zijn. Neem

fr-

ocr page 163

157

'ccli dan mijne werken, mijne gedachten, mijne Ü ü genegenheden, mijn lichaam, mijne ziel, geheel

eer mijn leven; vertoon dit alles aan God als Uw in eigendom en ik zal gelukkig wezen. O Maria,

vat van het zuiverste goud, versierd met paarlen en edelgesteenten, gevuld met genaden en deugden en dierbaarder in de oogen der eeuwige Wijsheid dan eenig ander schep-j sel; o bekoorlijke struik van rozen en leliën, n- die de zoetste en kostbaarste geuren uitwa-

quot;■ semen, met welk een vreugde beschouwt God

üw maagdelijkheid. Uwe nederigheid. Uwe d liefde en de voortreffelijkheid Uwer andere

11 deugden! Zijt Gij het niet, o Maria, die den

quot;■ helschen draak hebt overwonnen? Zijt Gij

e I het niet, die den Koning der koningen, door 1 I de schoonheid van Uw gelaat in verrukking ■ 1 hebt gebracht? Ontvangt gij van Hem niet gt; 1 meei weldaden en genaden, dan Esther van Assuerus? Uwe schoonheid is onvergelijkelijk, en het schitterendste wat er is onder het geschapene verliest al zijn glans in Uwe tegenwoordigheid. Wie geniet gunsten van God als Gij, en wie kan mét U uitroepen: //Mijn welbeminde is aan mij en ik aan Hem?quot; God is alles voor U- en Gij zijt alles voor God, en geen schepsel kan de liefde, die U ver-eenigt, verstoren.

O eeuwige Wijsheid, o zoete Zaligmaker, luister naar üwe welbeminde Moeder, be

ocr page 164

158

schouw Haar en vergeef mij, om der wille van Haar, die heilig en goed is, en die ik aan Uwen Hemelschen Vader durf aanbieden. Amen.

LOFZANG AAN MAKIA.

(Uit de tiende eeim.)

Wees gegroet, o schitterende Ster der zee; üw luistervol verschijnen aan den hemel kondigt den volken het Licht aan.

Wees gegroet. Deur des Hemels, waardoor God alleen toegang heeft! Door ü treedt het Licht der waarheid, de Zon der gerechtigheid, met onze menschheid bekleed, de wereld in.

Maagd, schoonheid der wereld. Koningin der hemelen, schitterend als de zon, schoon als de maan, werp genadig een blik op allen die D liefhebben.

De Aartsvaderen en Profeten hebben vol geloof naar ü verzucht, als naar den twijg, welke uit Jesse's stam op zou schieten.

Gabriël heeft U aangekondigd, als den boom des levens, welke onder den dauw d:s Heiligen Geestes, de geurige. Goddelijke vrucht zou voortbrengen.

Gij hebt het Lam, den Koning der aarde, van den steenrots der woestijn tot den berg van de dochter van Sion gevoerd.

1

ocr page 165

159

Gij hebt het monster neergeveld, de slang onder Uwen hiel vertrapt, en aldus de wereld van de misdaad gered die haar verwerping was.

Om U dan te eeren, daalt heden op wonderbare wijze dit Lam neder op ons altaar, en gaan wij het met den priester op geheimzinnige wijze slachtofferen.

Wij, ware Israëlieten, wij zullen het ware Manna zien, wij zullen als ware kinderen van Abraham, bewonderend aanschouwen, wat door het brood der woestijn werd afgebeeld. O bid, smeek voor ons. Heilige Maagd, dat wij dit hemelbrood waardig worden.

Verwerf ons, dat wij ons mogen laven aan deze zoete bron, afgebeeld in de woestijn door het water wat aan de rots ontsprong. Dat wij het mogen smaken met een oprecht geloof, dat wij er ons in dompelen mogen, en met geheimzinnig omgorde lendenen op mogen gaan, om de koperen slang op liet kruis te aanschouwen!

Bewerk dat het Heilig Liefdevuur en het Woord des Vaders, dat in U heeft genist gelijk weleer, het vuur en den brandenden, verteerenden braambosch niet ons, die niet uit eerbied ons schoeisel hebben afgelegd, lippen en hart louteren, alvorens wij tot dien Goddelijken Disch naderen.

Verhoor ons, want Uw Zoon eert ü door

ocr page 166

160

U altoos te verhooren. Jesus, red ons! Uw Moeder, de Maagd, bidt voor ons!

Geef ons de bron van alle goed te genieten, en altoos ü voor de oogen van onzen gezuiverden geest te hebben.

Moge onze ziel, gedrenkt door de wateren der Wijsheid, de zoetheid van het Ware Leven genieten.

En dat zij het heilig katholieke geloof, dat in haar woont, immer eeren door haar goede werken, opdat zij eenmaal van deze ballingschap opstijge tot ü, o Schepper der eeuwen. Amen.

DANKZEGGING AAN GOD VOOR ALLE GENADEN AAN MARIA GESCHONKEN.

Van de H. Gertrudis.

Gezegend de eeuwig verheerlijkte Almacht van God den Vader; gezegend de bewonderenswaardige Wijsheid van God den Zoonj gezegend de oneindige liefde van den Vertrooster, den H. Geest; gezegend de aanbiddelijke Drievuldigheid, die in Haar Machti Wijsheid en Liefde eene zoo genadevolle Maagd tot onze zaligheid het bestaan heeft gegeven, en welke Zij den overvloed van Hare eeuwige zaligheden heeft medegedeeld. Amen.

ocr page 167

161

GEBED TOT MARIA OM EEN quot;WAARDIGE H. COMMUNIE.

Van den H. Ephrem.

O Maria, mijne Meesteres en Moeder van God, nederigste der maagden en aangenaamste aan den Allerhoogste, Gij zijt gezegend onder alle geslachten. Neig Uw oor goedgunstig tot mij, en verhoor de smeekingen van mijne bezoedelde en onreine lippen, want met een rouwmoedig bart en nederigen geest neem ik tot U mijn toevlucht. Ik bid en smeek U, barmhartige Moeder van den barmhartigen God, dat Gij in deze oogenblikken mijn voorspraak wilt wezen, want, zoo ooit, dan heb ik wel thans Uwe bescherming noodig, nu ik wil naderen tot het Hoogheerlijk Geheim van Uwen Zoon. Maak mij door Uwe krachtige voorspraak geschikt, ontvlamd te worden door het vuur dezer levendmakende Geheimenis. Zuiver en verlicht mij door het deel dat ik er in heb, opdat ik het overige van mijn leven doorbrenge in versterving, reinheid en ootmoed. Amen.

GEBED TOT JESUS.

Vin den Eerh. Olier.

O Jesus, die in Maria leeft, kom, daal neder en leef ook in mij. Uwen dienaar.

ocr page 168

162

Leef in mij met Uwen heiligmaketiden Geest; met de volheid van TJw krachten, met Uwen volmaakten handel en wandel; door U met mij in Uwe aanbiddelijke Geheimen te vereenigen; om over al Uwe vijanden te zegevieren, in de kracht van den H. Geest tot glorie van Uwen Vader. Amen.

ACTE VAN OOTMOED.

Naar den Geliikz. Grignon de Montfort.

Domine, non sim dignus, Heer, ik ben niet onaardig dat Gij komt onder mijn dak! Neen, Eeuwige Vader, ik verdien niet mijn God in mijn hart te ontvangen, om mijne slechte gedachten, en om mijne ondankbaarheid jegens U, die zoo goed een Vader zijt. Doch laat Uw blikken vallen op Maria: zie, deze dienstmaagd des Keer en. O, laat Uwe reine dochter mijne plaats innemen, en dat zal mij vertrouwen geven en hoop op Uw verheven Majesteit; nUnoniam singular iter in spe constituisti me: Op bizondere wijze, o mijn God, hebt Gij mij Haar tot hoop gesteld.quot;

Eeuwige Wijsheid, Zoon Gods, Heer, ik ben .niet ie aardig dat Gij onder mijn dak komt, ik heb niet verdiend ü te mogen ontvangen door zooveel ij dele en zondige woorden, en •om mijne ongetrouwheid in Uw dienst. Maar ik bid ü, medelijden met mij te gevoelen.

ocr page 169

163

O God, ik zal U binnenleiden in de woning Uwer arme Moedér, en U niet laten gaan, alvorens Gij Uw intrek bij mij hebt genomen : Teneo eum.quot; Dan zal ik U vasthouden. Heer, en niet gedoogen dat Gij van mij gaat, totdat ik U de woning mijner Moeder heb binnengeleid, en tot in de binnenkamer van Haar die mij het Leven gat'. Sta dan op, o Heer, kom in de plaats Uwer rust, en in de heilige Ark: nSurge, Domme, in requiem tuam, tu et ana sanctijicationis tuce.quot; Op geen enkele mijner verdiensten stel ik vertrouwen, op geen enkele mijner krachten of gesteltenissen, gelijk Esau. Al mijn heil verwacht ik alleen van Maria, uwe teergeliefde Moeder, gelijk Jacob vertrouwen had in de goede zorgen van Rebecca. En in dit vertrouwen schroom ik, zondaar, niet tot Uwe Heiligheid te naderen; ik heb mij bekleed met-, ik steun op de deugden Uwer Heilige Moeder, Maria.

God, H. Geest, Heer, ik ben niet waardig, dat Gij komt onder mijn dak; ik verdien niet het meesterwerk Uwer liefde in mij te ontvangen door mijn lauwheid, mijn daden zoo vol ongerechtigheid, mijn voortdurenden weerstand aan Uwe inspraken. Maar al mijn vertrouwen stel ik in Uwe Heilige Bruid, en ik zeg het den H. Bernardus na: //Zij is mijn grootste steun; zij is de eenige grond van mijn hoop.quot; Kom dan andermaal over Maria, Uwe

ocr page 170

164

reine, onafscheidelijke Bruid. Haar scLoot is nog immer zoo rein; Haar hart nog altoos zoo vol liefde! Acli, zoo Gij niet te voren mijn arm hart bereidt, zal Jesus of Maria nimmer in mij gevormd worden, nimmer waardig in mij verblijven.

NA DE HEILIGE COMMÜNIE.

De vrouw, welke Gij mij gegeven hebt, o God, heeft mij van de vrucht van den Boom des Levens gegeven, en ik heb er van gegeten. En deze vrucht was zoet voor mijn smaak, want door haar hebt Gij mij aan het leven weergegeven. H. Bernardus.

OEFENIKG.

Van den Gelulz. Grignon de Montfort.

* Leid, na de H. Communie ontvangen te hebben, ingetogen en met gesloten oogen Jesus binnen in het Hart van Maria. Geef Hem daar Zijne Moeder, die Hem met liefde zal verwelkomen, een eervolle plaats zal bereiden, diep zal aanbidden, volmaakt zal beminnen, innig zal omhelzen, en in geest en waarheid vele plichten zal vervullen, waarvan wij in onze dichte duisternissen zelfs geen begrip hebben. Gij kunt u ook inwendig diep vernederen in de tegenwoordigheid van Jesus die in Maria woont. Daar zult gij de hou-

ocr page 171

165

ding aannemen van een dienaar, die waakt aan de poorten van het paleis des Konings, terwijl deze zich met de Koningin onderhoudt. Doorloop, terwijl Zij met elkander spreken, in den geest den hemel en de aarde 'om alle schepselen uit te noodigen om in uw plaats Jesus en Maria te bedanken, te vereeren en te beminnen; nFenite, adoremus, oe-nite, komt, laten wij aanbidden, komt!quot; Ook kunt gij, in vereeniging met Maria, aan Jesus vragen, dat door Maria Zijn Rijk hier op aarde uitgebreid worde, of dat gtj met goddelijke liefde bezield moogt worden, en met hemel-sohe wijsheid, dat gij de vergiffenis uwer zonden verwerft of eenige andere genade bekomt. Maar laat het immer zijn door Maria, en in Maria, door te zeggen: //Heer, sla geen acht op mijne ongerechtigheden, maar laat Uw blik in mij slechts rusten op de deugden en verdiensten van Maria.quot; En denkende aan uwe zonden, voeg daarbij: //Dit heb ik, een u vijandig mensch, gedaan; bevrijd mij. Heer, van dezen boozen en listigen mensch.quot; Ook kunt gij spreken; //Te oportet crescere, me autem minui; mijn Jesus, Gij moet in mijn ziel aangroeien, ik minder worden. Maria, Gij moet in mij aanwassen, ik moet verminderen, Crescite et multiplicamini, o Jesus, o Maria, groeit op in mij, en vermenigvuldig u in andere harten.quot;

ocr page 172

166

De H. Geest zal u een groot aantal andere gedachten en gevoelens ingeven, zoo gij ingetogen zijt en getrouw aan deze wijze, groote en verheven godsvrucht, welke ik u heb aangewezen. Maar weet dit wel, dat, hoe meer gij Maria zult laten handelen in uwe! H. Communiën, hoe meer Jesus verheerlijkt zal worden, en hoe meer gij Maria zult doen handelen voor Jesus, en Jesus in Maria, hoe dieper gij u zelf moet vernederen, cii Hem in vrede en rust zult kunnen aanhoo-ren, zonder u te bekommeren om te zien, te smaken, te gevoelen. «Immers de rechtvaardige leeft uit het geloof,quot; en in het bizonder in de Heilige Communie, die een daad van ons geloof is.

GEBED AAN JESUS EN HABIA.

Fan den Geluk:. Albertus Magnus.

Wees gezegend, o menschheid van mijn Zaligmaker, vereenigd met de godheid in den schoot eener Moedermaagd! Wees gezegend, o verheven en eeuwige godheid, die onder ons hebt willen komen in een menschelijk lichaam! Wees gezegend, o godheid van mijn Zaligmaker, door de kracht van den H. Geest met een maagdelijk vleesch omtogen ! Wees ook Gij gegroet, o Maria, in wie Gods oneindigheid haar intrek heeft geno-

ocr page 173

167

men! Ik groet U, die de volheid van den H. Geest ontvangen hebt! Gezegend ook de allerreinste menschheid van den Zoon, die door den Vader geheiligd, uit U is geboren geworden! Ik groet u Maagd zonder smet, thans boven alle Engelenkoren verheven! Verheug U, Koningin der menschen, dat Gij waardig werdt bevonden de Tempel der allerheiligste menschheid van Christus te worden! Verheug en verblijd U, Maagd deimaagden, wier allerreinst lichaam devereeni-ging heeft mogelijk gemaakt tusschen de Goddelijke en menschelijke natuur! Verheug en verblijd U, Bruid der heilige Patriarchen, die waardig bevonden werdt om deze heilige menschheid te voeden en te koesteren!

Ik groet u, vruchtbare en altoos gezegende maagdelijkheid, door U zijn wij waardig geworden de vrucht des levens en de vreugde van het eeuwig heil te verwerven. Amen.

TE MAIUAM LAUDAMÜS.

y'uü den H. Bona Centura.

U Maria loven wij, ü erkennen wij als onze Meesteresse. U, Dochter van God den Vader looft de geheele aarde. De Engelen, de hemelen, en alle krachten zijn aan Uwe voeten gesteld. U loven de Cherubijnen en de Serafijnen zonder ophouden: Heilig, Heilig,

ocr page 174

168

Heilig is Maria onze Koningin. De hemelen en de aarde zijn vervald van Uwen lof. En het roemrijk koor der Apostelen, èn de schaar der Profeten, èn de schitterende rijen der Martelaren doen hun lof tot ü opstijgen. De Heilige Kerk, alom verspreid, groet ü als Haar gebiedster. O alvermogende Dochter van God den Vader, Uw verheffing gaat alle verstand te boven! O geliefde Moeder van God den Zoon! o gezegende Bruid van Gods H. Geest! o Maria, Gft zijt de Vorstin der eeuwige glorie, Gij zijt de Moeder van het Eeuwig Woord! Om ons uit de slavernij te verlossen heeft de Allerhoogste niet versmaad in Uw schoot te komen wonen. Gij hebt door Uw Zoon den prikkel des doods verbroken: Gij hebt den hemel geopend voor allen die op ü vertrouwen. Gij zijt gezeten aan de Rechterhand Uws Zoons ia de glorie des Vaders. O wij smeeken U, Maria, gedenk hunner, die Uw Zoon verlost heeft; neem ons op onder het getal Uwer dienaren! lied Uw volk, o Meesteres der wereld, en zegen Uw erfdeel; geleid hen op hunne wegen, en steun hen tot dat zij in een gelukkige eeuwigheid zijn aangekomen.

Wij loven U, o Maria, eiken dag, en verheffen Uwen Naam in alle eeuwen der eeuwen. Gewaardig U ons heden voor alle zonden te behoeden. Heb medelijden met ons, heb

ocr page 175

169

medelijden, en dale Uwe erbarmiiig, naar de grootheid van ons vertrouwen, op ons neer.

Op U, mijne Meesteres heb ik gehoopt; in eeuwigheid zal ik niet beschaamd worden.

GEBED OM VERGEVING VOOR ONZE GERINGE VEREERIKG VAN MARIA.

Van de H. G erirudlquot;.

O zoete Jesus, in naam der liefde, die U bewogen heeft, ons lichaam aan te nemen en uit de reinste aller maagden te worden geboren, om alles te kunnen aanvullen, wat ons in onze armoede ontbrak; in naam van die liefde, smeek ik U, door den rijkdom van üw Goddelijk Hart aan Uwe Moeder vergoeding te schenken, voor mijne tekortkomingen in de vereering Haar verschuldigd. Volgaarne beken ik, dat die goede Moeder mij in al mijn behoeften met moederlijke zorg en teederheid heeft bijgestaan. En om Haar nu, op waardige wijze, daarvoor te kunnen bedanken, bid ik U, dierbare Jesus, Haar Uw Goddelijk Hart, dat van liefde tot Haar zoo overgevuld is, aan te willen bieden. Toon Haar in dat Hart de goddelijke liefde, die U bewogen heeft Haar voor alle eeuwen tot Moeder te kiezen. Haar van de smet der erfzonde te bewaren en met alle deugden en genaden te begiftigen. Toon Haar in datzelfde

8

ocr page 176

170

beminnenswaardig Hart, al de teederheid, waarmede Gij, eenmaal als Kind aan Haar boezem rustend. Haar gestreeld en geliefkoosd liebt. Herinner Haar aan de gehoor-zaamlieid, waarmede Gij, ofschoon Gij hemel en aarde bestuurt, TJ steeds aan Haar moederlijk gezag hebt onderworpen. Breng Haar wederom voor den geest Uwe kinderlijke liefde Haar vooral in Uw sterven op het Kruis betoond, toen Gij Uw eigen smarten vergat, om U enkel met hare droefheid bezig te houden, en Haar Johannes tot troost en tot Zoon achter te laten. Wijs Haar eindelijk op Uwe onuitsprekelijke liefde, zoo overvloedig aan Haar bewezen op den dag Harer glorieuse hemelvaart, toen Gij Haar boven alle koren der zalige Hemelgeesten hebt verheven en Haar tot Koningin van hemel en aarde hebt aangesteld. O goede Jesus, dat Uwe Moeder altoos ook mijne Moeder wezen moge, dat Zij mij bescherme, mij verdedige alle de dagen mijns levens, maar vooral in het uur van mijnen dood. Amen.

OPDRACHT VAN MARIA AAN JESUS.

Fan den Gelukz. Henrieus Suso.

O eeuwige Wijsheid, sta mij in deze ongen-blikken een gunst toe. Gelijk ik U aan Uwen Eeuwisren Vader aanbied, zoo bied ik U Uwe

ocr page 177

171

reine, zachte en uitverkoren Moeder aan. Ja, goedertierene, zoete Wijslieid, zie thans op Haar, beschouw Hare zachte oogen, die U zoo vaak met moederlijke teederheid hebben toegcblikt. Beschouw dat lieflijk schoon gelaat, dat zoo vaak en zoo zacht op üw kinderlijk aanschijn heeft gerust; beschouw dien reinen mond, welke U zoo vaak een moederlijk woord heeft toegevoegd; beschouw die zuivere handen, welke U in alle liefde hebben gediend. O, wat zult Gij, die de goedheid zelve zijt. Haar kunnen weigeren, die TJ heeft gevoed en op Hare armen gedragen, U heeft verzorgd en gekoesterd.

O Heer, herinner ü al de liefde, welke Gij in Uwe kindsche jaren voor Haar hebt gevoeld, al de aanminnigheid, waarmede Gij Haar in hare armen hebt toegelachen, al de eindelooze teederheid, waarmede Gij Haar in Uwe kinderarmen omsloot, en al de goedheid, welke Gij voor Haar, meer dan voor eenig ander schepsel, over hadt.

Gedenk ook de groote smart, welke Haar moederhart alleen met U verdroeg, onder Uw pijnlijk Kruis, waar Zij U in doodsnood zag, en Haar Hart en Hare ziel ieder oogenblik met U den dood stierf. Geef mij uit liefde tot Haar alles af te leggen, wat mij verhindert tot U te komen. Uwe genade te verwerven, en die nimmer meer te verliezen. Amen.

ocr page 178

172

TOEWIJDING VAN ZICH ZELVEN AAN MARIA.

Vau den tl. Thomas van Aquint.

O gelukzalige, o allerzoetste Maagd Maria, t eedervolle Moeder van God, Dochter van den Oppersten Koning, Koningin der Engelen, Moeder van den Schepper aller dingen, zie ik werp mij heden in den schoot Uwer goedheid en heveel U aan, voor heden en voor alle dagen mijns levens, mijn ziel en ■mijn lichaam, mijn woorden, mijn werken, mijn verlangens, mijn wenschen, mijn gedachten en mijn handelingen, geheel mijn leven, en het einde van mijn dagen, opdat zij, door Uwe tusschenkomst, steeds naar het goede streven, volgens den wil van onzen Heer Jesus Christus, Uwen welbeminden Zoon. O teedere Meesteres, mijn Hulp en vertroosting tegen de listen en lagen van mijn alouden tegenstander en alle mijne vijanden, gewaardig mij van Uwen geliefden Zoon Jesus Christus de genade te verwerven altoos te wederstaan aan de bekoringen van den duivel, de wereld, en het vleesch, en van immer het vaste voornemen te hebben voortaan niet meer te zondigen, maar in den dienst van U j' en Uwen teergeliefden Zoon te volharden.

'

ocr page 179

VIII.

Op den feestdag? Tan den H. Joseph, in de maand Maart, of op de zeren Woensdagen.

ACTE VAN AANBIDDING.

Van den Gel. Canisius.

ees gegroet, waarachtig Lichaam, geboren uit de Maagd Maria, voor den menscli geleden en gestorven, uit wiens doorstoken zijde waarachtig Bloed vloeide. O goedertieren e, o meedoogende, o zoete Jesus, Zoon van Maria, ontferm u mijner, en gelijk ik U nu zien mag onder de gedaante van brood, zoo verleen mij ook bij üw komst ten oordeel, ü tot vreugde en gerustheid te aanschouwen in de heerlijkheid Uwer glorie en U eeuwig te genieten in het rijk der eeuwige klaarheid, waar gij, met den Vader en den H. Geest leeft en heerscht. God in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Wees gegroet eveneens, alleredelst Bloed,

ocr page 180

174

aan de zijde van Jesus Christus, mijn Heer, ontvloeid, dat alle oude en nieuwe schuld afwischt. Zuiver mij, en behoed mijn ziel ten eeuwigen leven. O Heer Jesus, moge Uw Bloed mij strekke tot vergeving van al mijn j6zonden en verzuimenissen, willens en onwil-. ' lens bedreven, tot kracht en versterking van ^ mijn geloof, van mijn hoop, van mijn liefde Z1 en alle deugden, tot zaligheid van mijn ziel ®'en lichaam en tot verwerving der eeuwige ,v' glorie. Amen.

11] GEBED OM VEBLICHTIKG.

d

Van den II. Ephreni.

zi Heer Jesus, die door het licht Uwer ge-o' nade de geheele wereld hebt verlicht, ver-H licht thans ook de blik mijns harten om ü Z te beminnen en met vreugd .iltoos Uw wil Vl te doen. Zie Uw ontzagwekkend Sacrament a: is vol licht en leven. Geef mij licht en be-g' grip om met geloof en verlangen daartoe te c naderen, en het te nuttigen niet tot mijne w verwerping, maar tot vergeving mijner zon-den. Amen.

hi

JU GEBED OM EEN WAARDIGE GESTELDHEID.

61 0 Voedstervader van het Menschgeworden Woord, H. Joseph, zie mij hier aan uw voeten. Hoe onwaardig ook, ben ik de broeder (de

ocr page 181

175

zuster) van Hem, die hier op aarde Uw zoon 1 genoemd werd. Heb ik dan geen aanspraak

i op Uwe alvermogenden bijstand en heb ik

v ook geen rechten op Uw teeder en vaderlijk

i ' hart ? Ik bid U dus mij iets van de liefde te bewijzen, welke Gij Uwen Jesus bewezen i hebt, en mij die zuiverheid des harten te ver-

! leenen, welke mij minder onwaardig maken

Hem daar binnen te leiden. Evenals Joseph van Egypte de levensmiddelen voor zijn volk moest bewaren, evenzoo werd U de verheven zorg toevertrouwd Hem te bewaren, die het Brood voor ons bovennatuurlijk leven is. Zoudt gij willen, dat dit Brood, door U zoo zorgvuldig behoed, thans gemeenschap zou hebben met het onreine ? Neen, zulks nooit. Maar geef mij dan, door de teederheid, waarmede Gij Hem hebt gedragen èn naar den tempel bij j de zuivering Zijner Moeder, èn op de vlucht van Egypte, dat ik Hem met ware godsvrucht en vroomheid aan moge hangen. Geef mij door de reinheid van Uw allerzuiverst lichaam, dat geen spoor van ongeregelde geneigdheid

Iin het hart blijve, waarin ik Hem aanstonds zal ontvangen. Geef mij door Uwen heiligen handenarbeid voor Hem, dat ik Hem niet weigeren de hand te leggen aan het groote werk van mijn zaligheid. Geef mij door de zalige omhelzingen, welke Gij U zoo menigmaal mocht vergunnen, dat ook ik Hem aan

ocr page 182

176

mijn liart drukke met een vast besluit mij nimmer meer van Hem te scheiden. Geef mij door Uwe zorg om Hem aan de woede van Herodes te onttrekken, dat van U aan geen vijand mijner zaligheid ooit iets vermag. Geef mij door de verknochtheid en onderwerping, welke Hij U immer heeft getoond, dat ik meer godsvrucht hebbe voor U, en ik dus Hem aangenamer moge wezen, als Hij straks nederdaalt in mijn hart. En ten slotte, beminde Heilige Joseph, geef mij üw ootmoed, Uw zachtmoedigheid, Uw geloof. Uw vertrouwen. Uwe liefde, in een woord. Uw Hart, zoo rijk versierd met alle genaden, en Jesus zal met mij even gaarne verblijven, als Hij om U onder het nederig dak van Nazareth wilde wonen. Amen.

ACTE VAN OOTMOED.

Van den Gel. Ilenr. Suso.

O Heer, mijn God, ik heb mij tot nu tot het geschapene gewend, om de bevrediging mijner verlangens te zoeken. Teleurstelling en verdriet zijn echter mijn deel geworden; hoe meer ik cr mij aan hechtte, hoe minder ik verzadigd werd, en alles wat mij eerst verleid had, riep mij daarna toe; «Neen, wij geven u de rust niet, welke gij zoekt; zoek die elders, zoo gij ze vinden wilt.quot;

ocr page 183

177

O Heer, allerzoetste Wijsheid, Gij alleen zijt dat Goed, dat mij verzadigen kan. Tot U moet ik wederkeeren, tot U mij richten. Veracht dan Uw arm schepsel niet, dat ü aanbidt en beminnen wil. Sla een blik van mededoogen op mijn arm hart, dat geheel verkoeld is door de dwaasheden der wereld. Bevrijd het van zijn boeien en duisternis; verlicht het en ontvlam het weder voor U. O wilt Gij, dat ik ü alleen voortaan beminne, toon U dan aan mij in een helderder licht, en geef mij eenigszins een begrip van Uwe goedheid. Amen.

LAATSTE VERZUCHTINGEN.

Fan den Eerb. Ludov. van Grenada.

O mijn God, van waar komt mij het geluk, dat Gij, de Koning der engelen, ü gewaar-iligt mij te bezoeken. O Vader, o goede Herder, o Heer, mijn God en mijn eenig goed, het was U niet genoeg mij naar Uw beeld en gelijkenis uit het niet te voorschijn te roepen, mij door Uw Bloed vrij te koopen: Gij wilt bovendien nog tot mij komen en in mij rusten. Gij wilt mij in U veranderen en één met mij worden, alsof Gij van mij af-hingt en ik niet van ü. Ach, van waar komt mij dit geluk! Neen, niet door mijne verdiensten. Niet omdat Gij iets van mij noodig

8*

ocr page 184

178

hebt. Louter uit goedheid en erbarming, welke LT er grooter behagen in doet nemen in mij te wonen, dan ik in U. Want ik zoek U, omdat ik ellendig en medelijdenswaardig ben: Gij zoekt mij, omdat Gij medelijden hebt. Ik, omdat ik weldaden van U verlang: Gij, om dat Gij zoo vurig verlangt mij weldaden te kunnen bewijzen; omdat Gij er meer naar haakt te schenken, dan ik om te ontvangen; omdat Gij milddadiger zijt, dan ik behoeftig. En daarom verlangt Gij meer tot mij te komen, dan ik tot U. Daarom hebt Gij gezegd, dat het Uw wellust is met de kinderen der mensehen te zijn. Zoo natuurlijk als het den vogel is te vliegen, en den vissollen in het water te zijn; zoo is het Uw natuur, o opperst Goed, mij wel te doen en ü met mij te vereenigen.

ï

ll' t

!fc

Ach, Jesus, Joseph's zoon, kom dan bevredig Uw verlangen en het mijne!

KA DE HEILIGE COMMUNIE.

* Toen Salomon tot glorie van Israels God een Tempel had gebouwd, riep hij, vervoerd van de levendigste dankbaarheid; v\Vic kan hetgelooven, dat God viet de vienscheii op aarde woont? Indien de Hemelen l' niet kunnen bevatten, Heer, zal deze, door mij ge-bonwde Tempel /iet immers nog minder kunnen l God maakte toen zijn tegenwoordigheid merkbaar, door-

ocr page 185

179

dien er een vuur uit den Hemel daalde, hetwelk de offeranden en de slachtoffers verteerde.

Ach, mijn Heer en God, wat had de groole, wijze koning gezegd, wat had Israëls volk gedaan, zoo zij getuigen waren geweest van het wonder, thans door U in mij gewerkt? Met een allerlevendigst geloof, met de diepste dankbaarheid moet ik uitroepen: Ik gevoel het, o mijn God, en ik geloof het vastelijk. Gij woont waarlijk in mij !

Ja, Hij, die alles door de macht van Zijn woord heeft geschapen, die alles door de kracht van Zijn arm staande houdt, die in den glans der Heiligen schittert. Hij, voor wien de Machten sidderen, de Allerhoogste God, heeft mijn hart tot Zijn tabernakel uitverkoren !

Heer, op den Sinaï, te midden van vuurgloed en bliksems, onder het schallen dei-trompetten en het dreunen van den donder, schenen Uw woorden, als bliksemstralen, Israël met den dood te dreigen. Thans hebt Gij Uw ontzagwekkende Majesteit afgelegd, verborgen als Gij zijt in dit overdierbaar, allerheiligst Sacrament. Maar nu Gij minder vreeselijk schijnt, blijft Gij niet minder aanbiddenswaardig. Ontvang dan, o Heer, alle hulde van een kind, dat zijn nietigheid voor Uw aanschijn erkent, dat buiten U niets groots

ocr page 186

180

kan vinden, dat geen dieperen eerbied kent dan die hij U bewijst.

Toen Elisabeth Maria's groetenis hoorde, riep zij: Van waar komt mij het geluk, dat de Moeder des Heeren mij bezoekt? Ook ik zeg nu: Van waar komt mij het geluk, o Jesus, dat Gij Uzelf aan mij hebt gegeven, dat Gij mij met Uw aanbiddenswaardig Lichaam hebt gevoed, met Uw kostbaar Bloed gelaafd? — Mijn verbazing is des te grooter, omdat ik niets in mij kan vinden, wat mij een gunst waardig kan maken, die Gij zelfs Uwen Engelen niet hebt geschonken. O overmaat van Liefde! Kondt Gij, Heer, al zijt Gij ook de Opperste God, mij wel iels groo-ters geven? Uw geluk wil ik U niet benijden, Johannes, welbeminde Leerling des Zaligmakers. U werd het wel gegeven in het laatste Avondmaal Uw hoofd op het Hart van Jesus tc laten rusten; wel mocht Gij bij voorkeur met Hem de vertrouwelijkste gesprekken voeren; maar ik bezit meer: dezelfde Jesus rust thans in mijn binnenste. Nu lig ik niet alleen aan de voeten van mijn Zaligmaker in het stof geknield; mijn hart is met het Zijne vereenigd en ik mag hopen, dat Hij mij bemint.

Heer, spreek. Uw kind luistert. Het is mij als vraagt Gij ook mij, zooals Petrus: Bemint gij Mij? — Ja, Heere! Gij weet, dat ik U bemin. — Gij rust thans in mijn hart, waar-

ocr page 187

181

van Gij alle bewegingen kent. Alles, wat met Uw liefde in strijd is, ken ik voortaan niet meer. Ja, Gij zijt thans de mijne, o mijn God, en ik wil voortaan geheel de Uwe wezen. De heilige banden, die mij thans aan U hechten, kunnen nooit meer verbroken worden. Laat mij liever onmiddellijk, gelijk Imelda, in Uwe omarming sterven, o Jesus, dan dat ik nog ooit ontrouw worde.

GEBED OM EEN VURIGE LIEFDE.

Naar den H. Alphonsus.

O Voedstervader van het menschgeworden Woord, hoe brandden de twee leerlingen niet van liefde op den weg naar Emmaüs, in de weinige oogenblikken reeds dat Jesus met hen was! Maar hoe groot moet uwe liefde niet geweest zijn, welke vlammen moeten Uw hart niet verteerd hebben, die dertig jaren lang met Hem verkeeren mocht? Gij vernaamt de woorden van zaligheid, die van zijne lippen kwamen. Gij zaagt zijn goddelijke voorbeelden van ootmoed, geduld, gehoorzaamheid, bereidvaardigheid in Uwen dienst. Gij kendet van te voren al het lijden, dat Hij eenmaal om U en ons zou ondergaan.

Ach, verkrijg mij, vurige minnaar van dit Goddelijk Hart, door de heilige liefdevlam-

ocr page 188

182

men, welke dit innig verkeer in Uw hart ontstoken, dat er ook een vonkje van dat vuur neerdale op mijne ziel, die zooveel heeft bijgedragen tot Zijne droefheden. Verkrijg mij Uwen Jesus te beminnen met een teedere, een vurige, een werkdadige liefde, een liefde zooals Hij verlangt, dat ik voor Hem zal hebben nu en in alle eeuwen. Amen.

* Het staat vast, zegt de H. Bernardus, dat Jesus Christus in den hemel voor den H. Joseph altoos dezelfde teedere liefde en eerbied betoond, als Hij p | op aarde gedaan heeft. Die liefde is eerder nog ver-j meerderd. Door die teederheid en eerbied, versta ik,* .zegt dezelfde H. Leeraar, dat Jesus Zijn Voedstervader niets weigert van al wat hij Hem vraagt. Vra-; gen wij 'dus in deze oogenblikken, na den H.Joseph onze H. Communie opgedragen te hebben, en ons zijn goedheid daardoor te hebben verzekerd, veel en ji vragen wij het met innig vertrouwen; besluiten wij

i! daarna met de volgende woorden :

{

| Gedenk, o allerzuiverste Bruidegom van de Maagd Maria, heilige Joseph, mijn beminde Beschermer, dat het nooit gehoord is, dat iemand, die onder Uwe bescherming zijne quot;toevlucht nam en uwe hulp inriep, zonder i | troost is gebleven. Door dit vertrouwen aangemoedigd, kom ik tot ü en beveel mij dringend aan U. O Gij, die de Voedstervader || des Verlossers waart, verstoot mijne gebeden niet; maar gewaardig ü ze aan te nemen en ü te verhooren. Amen. (300 dagen atl.)

ocr page 189

183

ÏOBWIJDING VAN ZIJN HUISGEZIN AAN DK II. FAMILIE. 1)

O Jesus, allerminnelijkste Verlosser, uil den hemel neergedaald om de wereld door woord en voorbeeld te verlicliten, die het grootste gedeelte van Uw sterfelijk leven in de nederige woning van Nazareth door hebt willen brengen in onderwerping aan Joseph en Maria, en deze familie hebt geheiligd, aanvaard ook goedertieren ons huisgezin, dat zich heden geheel aan U toewijdt. Bescherm en bewaar het; bevestig daarin Uwe heilige vrees, den vrede en de eendracht der christelijke liefde, opdat het geheel gelijk moge worden aan het goddelijk voorbeeld van Uw huisgezin, en allen, die het uitmaken, eenmaal de eeuwige zaligheid mogen verkrijgen.

O Maria, alleraanminnigste Moeder van Jesus Christus en ook onze Moeder, maak door Uw moederlijke goedertierenheid dat deze onze toewijding Jesus aangenaam zij, en Hij over ons Zijn weldaden en zegeningen uitstorte.

O Joseph, allerheiligste Behoeder van Jesus en Maria, sta ons door Uwe gebeden bij in

i) Even als liet volgende gebed vervaardigd door Z. H. Paus Leo XIII cn door hem met een aflaat van 300 dagen verrijkt.

ocr page 190

184

alle behoeften van lichaam en ziel, opdat wij met U en de gelukzalige Maagd Maria aan Jesus Christus, onzen Verlosser, eeuwig lof en dank mogen brengen.

AHDEK GEBED VOOR HET HUISGEZIN.

0 allerbeminnelijkste Jesus, die door de onuitsprekelijke deugden en voorbeelden van Uw huiselijk leven, het gezin dat Gij uitverkoren hadt, geheiligd hebt, werp een goed-gunstigen blik op dit ons huisgezin, dat voor U neergeknield Uwe goede gunsten over zich afsmeekt. Herinner U, dat dit gezin het Uwe is; daar het zich op bijzondere wijze aan U heeft toegeheiligd en geschonken. Zie er goedgunstig op neer; bevrijd het van alle gevaren; kom het te hulp in alle behoeften; geeft het kracht om immer te volharden in de navolging Uwer heilige familie. Verleen het, na dat het in dit sterfelijk leven trouw in üw liefde en dienst volhard heeft, U voor eeuwig in den hemel lof te zingen.

O Maria, allerzoetste Moeder, wij roepen Uwe hulp in, verzekerd, dat Uw goddelijke Zoon Uwe gebeden niet zal afslaan.

En ook Gij-, allerroemwaardigste Aartsvader, Heilige Joseph, help ons door Uw machtige voorspraak, en stel onze smeekingen in de handen van Maria, om ze Jesus Christus aan te bieden. Amen.

ocr page 191

185

OEFENINGEN

TER K K RE VAN DE ZEVEN DROEFHEDEN EN VREUGDEN VAN DEN H. JOSEPH.

Naar den II. Alphotisus.

(Met 300 dagen aflaat.)

O allerreinste Bruidegom der H. Maagd Maria, roemwaardige H. Joseph, zoo groot als de kwelling en de angst uws harten waren, toen gij vol ontsteltenis bovondt uwe allerreinste Bruid te moeten verlaten; zoo onuitsprekelijk was uwe vreugde, toen de Engel TJ het verheven Geheim van de Mensohwor-ding openbaarde. Wij bidden ü door deze uwe smart en door deze uwe vreugde, onze ziel nu en in de smarten van onzen doodstrijd, te troosten met de vreugde over een goed leven en van een heiligen dood, gelijk aan de uwen, in het gezelschap van Jesus en Maria.

Onze Vader, Wees gegroet. Glorie zij don Vader, enz.

O gelukkige Patriarch, roemwaardige H. Joseph, verkoren tot de hooge waardigheid van Voedstervader van het menschgeworden Woord; de smart, welke gij gevoeldet, toen gij het Kindje Jesus in zoo gioote armoede

ocr page 192

18G

zaagt geboren worden, veranderde spoedig in eeue hemelsclie vreugde, toen gij het welluidende gezang der Engelen hoordet, en de wonderen van dien glorievollen nacht aan-schouwdet. Wij smeeken ü, door deze uwe smart en door deze uwe vreugde, ons te verwerven, eenmaal te worden toegelaten tot het aanhooren van de lofzangen der Engelen, en tot het genieten van den luister der hemelsclie heerlijkheid.

Onze Vader, Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.

O roemrijke H. Joseph, zoo gehoorzaam in het volbrengen der goddelijke geboden, uw hart werd van smart doorboord, toen gij het dierbaar bloed zaagt stroomen door het Kindje Jesus bij Zijne Besnijdenis gestort; maar de jïsaam van Jesus deed uw hart weder herleven en overstelpte ü met vertroosting.

Door deze uwe smart en door deze uwe vreugde, verwerf ons, na in ons leven alle zonden te hebben uitgewischt, met den aller-hciligsten Naam Jesus in het hart en op de lippen, verheugd te sterven.

Onze Vader, Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.

O allergetrouwste Heilige, die zulk een werkzaam aandeel hebt gehad in de Gehei-

ocr page 193

187

jen onzer Verlossing, roemwaardige H. Joseph, (idien Simeons voorzegging van hetgeen Jesus ii Maria zouden lijden, in u eene doodelijke mart veroorzaakte; zoo vervulde deze u ook iet eene heilige vreugde, omdat tevens voor-peld werd, dat dit lijden de zaligheid en de lorievolle opstanding van ontelbare zielen zou erdienen. Verkrijg ons door deze uwe smart door deze uwe vreugde, onder het getal lergenen te behooren, die door de verdiensten van Jesus en op de voorspraak van Maria heerlijk verrijzen zullen.

Onze Vader, Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.

O teeder bezorgde Behoeder en innige Vriend van den Menschgeworden Zoon Gods, roemwaardige H. Joseph, hoe groot was uw lyden in het bewaken en dienen van den Zoon des Allerhoogsten, vooral bij den vlucht naar Egypte. Dan, welke was ook uwe vreugde in uw gedurig, vertrouwelijk verkeer met God zeiven, en bij het zien nedervallen van de afgodsbeelden der Egvptenaren. Door deze uwe smart en door deze uwe vreugde, verwerf ons, den helschen vijand ver van ons verwijderd te houden, en vooral alle gevaarlijke gelegenheden te vluchten, zoodat alle afgodsbeelden der aardsche neigingen in ons hart vernietigd mogen worden en wij, geheel aan

ocr page 194

186

zaagt geboren worden, veranderde spoedig in eene liemelsche vreugde, toen gij liet welluidende gezaiig der Engelen hoordet, en de wonderen van dien glorievollen nacht aan-schouwdet. Wij smecken U, door deze uwe smart en door deze uwe vreugde, ons te verwerven, eenmaal te worden toegelaten tot liet aanhooren van de lofzangen der Engelen, en tot liet genieten van den luister der hemel-sctie heerlijkheid.

Onze Vader, Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.

O roemrijke H. Joseph, zoo gehoorzaam in het volbrengen der goddelijke geboden, uw hart werd van smart doorboord, toen gij het dierbaar bloed zaagt stroomen door het Kindje Jesus bij Zijne Besnijdenis gestort; maar de Naam van Jesus deed uw hart weder herleven en overstelpte U met vertroosting.

Door deze uwe smart en door deze uwe vreugde, verwerf ons, na in ons leven alle zonden te hebben uitgewischt, met den aller-heiligsten Naam Jesus in het hart en op de lippen, verheugd te sterven.

Onze Vader, Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.

O allergetrouwste Heilige, die zulk een werkzaam aandeel hebt gehad in de Gehei-

ocr page 195

187

men onzer Verlossing, roemwaardige H. Josepli, indien Simeons voorzegging van hetgeen Jesus en Maria zouden lijden, in u eene doodelijke smart veroorzaakte; zoo vervulde deze u ook met eene heilige vreugde, omdat tevens voorspeld werd, dat dit lijden de zaligheid en de glorievolle opstanding van ontelbare zielen zou verdienen. Verkrijg ons door deze uwe smart en door deze uwe vreugde, onder het getal dergenen te behooren, die door de verdiensten van Jesns en op de voorspraak van Maria heerlijk verrijzen zullen.

Onze Vader, Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.

O teeder bezorgde Behoeder en innige Vriend van den Menschgeworden Zoon Gods, roemwaardige H. Joseph, hoe groot was uw Hjden in het bewaken en dienen van den Zoon des Allerhoogsten, vooral bij den vlucht naar Egypte. Dan, welke was ook uwe vreugde in uw gedurig, vertrouwelijk verkeer met God zeiven, en bij het zien nedervallen van de afgodsbeelden der Egyptenaren. Door deze uwe smart en door deze uwe vreugde, verwerf ons, den helsohen vijand ver van ons verwijderd te houden, en vooral alle gevaarlijke gelegenheden te vluchten, zoodat alle afgodsbeelden der aardsche neigingen in ons hart vernietigd mogen worden en wij, geheel aan

ocr page 196

188

den dienst van Jesus en Maria gewijd, slechts voor hen leven en sterven in hun liefde.

Onze Vader, Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.

O Engel dezer aarde, roemwaardige H. Joseph, met verwondering zaagt gij den Koning des Hemels aan uwe wenken gehoorzamen; uw troost van Hem uit Egypte terug te leiden werd gestoord door de vrees voor Ar-chelaus; doch de Engel stelde u gerust en verheugd bleeft gij met Jesus en Maria te Nazareth wonen. Verwerf ons door deze uwe smart en door deze uwe vreugde, van alle angst bevrijd te blijven, den vrede des gewetens te genieten, in zoete zielerust met Jesus en Maria te leven en in vereeniging met hen te sterven.

Onze Vader, Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.

O volmaakt toonbeeld van alle heiligheid, roemwaardige H. Joseph, hoe groot was uw droefheid toen gij, ondanks uw waakzaamheid, het Kindje Jesus verloren had. Maar hoe groot was ook niet uw blijdschap. Hem in ■ te b( den tempel te midden der leeraars weder te . ' der vinden. Door deze uwe smart en door deze \ uwe vreugde, smeeken wij u van ganscher I harte nooit te gedoogen, dat wij Jesus door ^

Ji

ocr page 197

189

echts een zware zonde verliezen. En zou ooit ons dit groote ongeluk overkomen, zoo verwerf, den dat wy niet rusten en Hem onvermoeid met leedwezen zoeken, totdat wij het geluk hebben Hem weder te vinden, voornamelijk in . Jo- ons sterfuur, om Hem in den Hemel te be-ning ^ zitten en daar met u Zijne goddelijke Barm-nen;

lei-Ar-t en a te uwe alle ge-met

?ing 'I GEBED.

den O God, die door Uwe onuitsprekelijke k Voorzienigheid U gewaardigd hebt den gelukzaligen Joseph tot Bruidegom van Uwe aller-eid, | zaligste Moeder te kiezen, wij smeeken U, uw l geef, dat wij waardig mogen worden hem.

eid, dien wij hier op aarde als onzen Beschermer hoe I eeren, tot onzen Voorspreker in den hemel i in te bekomen. Die leeft en heerscht in de eeuwen r te il der eeuwen. Amen.

leze \

iher I loor ^

hartigheid in eeuwigheid te gaan lofzingen.

Onze Vader, Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.

Antiph. En Jesus was, toen Hij aanving, omtrent dertig jaren oud, zijnde, naar men meende, de Zoon van Joseph.

v. Bid voor ons, H. Joseph.

r. Opdat wij waardig worden der beloften van Christus.

ocr page 198

IX.

Op Allerzielendag, gedurende de maand November, en bjj UitTaartdiensten.

[eer, Jesus Christus, ik breng

G K O E T AAN JBSTJS.

Van de 11. Gertrudis.

groetenis, lofprijzing en aan-

bidding, en met de liefde van alle schepselen dank ik U voor de liefde, waarmede Gij menschgeworden en geboren zijl, gedurende drie en dertig jaren honger en dorst hebt geleden, voor mij hebt gearbeid in het zweet Uws aanschijns, de wreedste pijnen ondergaan hebt, en tot onderpand Uwer liefde het Heilig Sacrament des Altaars hebt ingesteld. Ik bid U, gewaardig het gebed, dat ik U opdraag voor deze arme ziel (welke men hier noemt) te vereenigen met de oneindige verdiensten van Uw allerheiligst leven, en door

ocr page 199

191

den overvloed dier verdiensten te vergoeden, wat haar aan deugden ontbroken heeft. Had zij al meer moeten werken tot Uw eer, U vuriger moeten beminnen, U meer moeten bidden, U getrouwer moeten dienen, haar goede werken met een zuiverder meening moeten verrichten, gelieve thans, o mijn Jesus, alles aan te vullen, waarin zij te kort gebleven is. Amen.

Ik groet U, Jesus, glorie des Vaders, vorst des vredes, deur des hemels, levend Brood, vrucht der Maagd, heiligdom der Godheid. Heer, verleen haar de eeuwige rust, en het eeuwige licht verlichte haar.

O goede Heer, Jesus Christus, ik breng U mijne groetenis, lofprijzing en aanbidding, en dank U voor de liefde, waarmede Gij, de Schepper van alles, voor onze zaligheid, gevangen genomen, gebonden, langs de straten gesleurd, met voeten getreden, geslagen, bespuwd, gegeeseld, met doornen gekroond, en ter dood verwezen zijt. Ik dank U voor de liefde, welke U er toe heeft gebracht, om het kruis op üwe schouders te nemen, U aan het kruis te laten hechten, den bittersten dood te sterven, en Uw Goddelijk Hart door een lans te laten treffen. In vereeniging met die liefde, offer ik U mijn onwaardig gebed ■op, en bid U door de verdiensten van üw

ocr page 200

192

heilig lijden, en Uwen heiligen dood, dat Gij deze ziel (van N.) alle zonden kwijtscheldt, welke zij ooit door woorden, werken of gedachten heeft bedreven. Gewaardig ü tot uitboeting van alle straffen, welke zij nog te lijden heeft, aan Uwen Hemelschen Vader alle pijnen op te dragen, welke Gij in Uw doorwond Lichaam, en in Uwe met bitterheid verzadigde Ziel, in Uw lijden en sterven verduurd hebt. Amen.

Ik groet U, Jesus, enz. als boven.

O goede Heer, Jesus Christus, ik breng U mijn groetenis, lofprijzing en aanbidding, en dank U innig voor de liefde, waarmede Gij ons door Uwe verrijzenis hebt verheerlijkt, en in Uwe hemelvaart met U mede op-voerdet tot aan de rechterhand des Vaders. Ik bid ü, maak deze ziel (van N.) voor eeuwig deelachtig aan de verdiensten Uwer overwinning. Amen.

Ik groet U, Jesus, enz. als boven.

O goede Heer, Jesus Christus, ik breng U mijn groetenis, lofprijzing en aanbidding voor alle genaden, ooit Uwe allerheiligste Moeder en Uw uitverkorenen geschonken. Ik vereenig mij met de liefde, waarmede alle Heiligen, van de innigste dankbaarheid doordrongen, voor Gods aanschijn betuigen, dat zij hun eeuwige glorie slechts aan Uwe Mensch-

ocr page 201

193

wording. Uw lijden en sterven dank moeten weten. Ik bid U, gewaardig U door de gebeden en verdiensten der allerheiligste Maagd en van alle Heiligen alles aan te vullen wat ontbreekt aan deze afgestorvene zielen, die welliclit nog in het vagevuur lijden, en voor wie ik Uwe barmhartigheid inroep. Amen.

Ik groet U, Jesus, enz. als boven.

OPDRACHT DER H. COIIMUNIE.

Van den H. Ambrosias.

O Heer en Heilige Vader, wij bidden U voor deze ziel (of zielen) opdat dit Hoogwaardig Sacrament van Uwe liefde hun tot heil, genezing, vreugde en verfrissching moge strekken. Mijn Heer en mijn God, ge-waardig U heden ook voor hen een groot en volkomen gastmaal aan te richten, van O zelf, o levend Brood, dat voor ons uit den hemel is neergedaald en het leven aan de wereld heeft geschonken. Richt het aan van Uw heilig en gezegend Lichaam, van het Vleesch van het Onbevlekt Lam dat de zonden der wereld wegneemt, dat geboren is uit den heiligen en verheven schoot der gelukzalige Maagd Maria, en ontvangen is door den H. Geest. Richt het aan uit die bron van teedere liefde, welke aan Uw Goddelijk Hart ontsprong door de lans van den krijgs-

9

ocr page 202

194

knecht, opdat zij daardoor verfrischt en verzadigd, zich mogen verhevigen in Uw lof en eer. Ik vraag Uwe goedertierenheid, o God, dat Gij over het brood, dat U aanstonds zal toegewijd worden, de volheid van Uw zegen, en de heiliging Uwer goddelijkheid doet nederdalen. Dat de onzichtbare en onbegrijpelijke Majesteit van Uw Heiligen Geest nederdale, gelijk Hij weleer over de offeranden onzer vaderen kwam, opdat door Zijne werking dit brood en deze wijn Uw Lichaam en Bloed mogen worden. En moge ik daardoor leeren dit heilig Sacrament met zulk een groote zuiverheid des harten, en met zulk een verteederde godsvrucht, met zooveel eerbied en ontzag te ontvangen, dat Gij met welbehagen en volgaarne deze H. Communie van mij aanneemt tot heil van allen, zoo levenden als dooden. Amen.

GEBED VOOB DE GEIXJOVIGE ZIELES.

O God, Vader van mijn Heer en Zaligmaker .Tesus Christus, pijnlijk wordt mijn hart aangedaan, wanneer ik mij al degenen voor den geest terugroep, welke mij dierbaar waren, en die Gij in Uwe aanbiddelijke raadsbesluiten door den dood van mijne zijde hebt weggenomen. Hun verlies, o mijn God, gevoel ik levendig, en de leemte welke

ocr page 203

195

zij in mijn hart hebben achtergelaten, zal hier op aarde niet spoedig, wellicht nooit worden aangevuld. Doch wanneer ik bedenk, hoe hun lot in het Vagevuur veel ondragelijker is dan het mijne, dan gevoel ik ook, dat het mij minder voegt, mijn nood aan U daarover te klagen, dan wel bij U aan te dringen, dat hun lijden worde verlicht en zoo spoedig mogelijk in eeuwige vreugde ver-andere.

Jk wil dan ook meer hun leed dan het mijne gevoelen, en levendig stel ik mij voof, hoe zwaar zij moeten voldoen aan Uwe on* eindige gerechtigheid. Ik tracht te begrijpen, wat het zeggen wil, hetgeen een Uwer meest verlichte leeraars, de H. Thomas, ons getuigt, dat zij gefolterd worden door een gelijk vuur, als dat waardoor de verworpelingen voor eeuwig gelouterd worden. O hoe smartelijk moeten die wreede vlammen zich aan hen hechten en hen doordringen! Immers die vlammen moeten den oneindigen haat voldoen, welke Uwe Heiligheid de zonde toer draagt! Wat wreede honger verscheurt hen, wat smachtende dorst kwelt hen, wat akelige duisternis verschrikt hen, wat pijnlijke koude foltert hen, wat drukkende verveling martelt hen! Wat zij zien is angsten verschrikkingj wat zij vernemen is het loeien der vlammen, welke zich als verscheurende dieren op hen

ocr page 204

196

werpen; wat zij smaken is bitterheid; wat zij rieken is verpesting en bederf; wat zij gevoelen, marteling en pijn! Maar boven dit alles kwelt hen het verlangen naar ü, o mijn God. In U alleen zullen zij rust vinden; in Uw bezit zal hun dorst gelescht, hun honger gestild worden. Maar Uw hemel is nog te rein voor hen. Uw oneindige Heiligheid kan zich nog niet vereenigen met hun onvoldoende zuivering. Telkens, wanneer zij zich tot U willen verheffen, werpt hen een onverbiddelijke hand in den poel hunner jammeren terug.

En in dien èllendigén toestand bevinden zich mijne geliefden! Ach, God! en op dit gezicht zou ik mijn eigen leed niet vergeten? O, ik zal dan trachten op alle mogelijke wijzen Uw gestrenge rechtvaardigheid te verzoenen, en heden wil ik het uitstekendste middel daartoe gebruiken, namentlijk, ik zal mij zoo innig doenlijk vereenigen met Uwen Goddelijken Zoon, om in die verbintenis met Hem alles te vermogen. Geef derhalve, o Heilige Geest, dat die vereeniging, welke aanstonds door Uwe goddelijke werking tot stand zal worden gebracht, door geen enkel beletsel worde verhinderd. Geef mij Uw licht om beter te beseffen, hoe Gods rechr-vaardige wraak in de plaats der loutering tegen mijne dierbaren woedt. Verwarm mij

ocr page 205

197

door üw liefdegloed, opdat ik met een teeder medelijden voor hun treurigen toestand worde bewogen: En zuiver daarbij zoo volkomen ! mijn arm, zondig hart, dat mijn Jesus het ! ïi eeste welbehagen daarin vinde, en ik aldus : alles, wat ik voor hen vraag, kan verkrijgen.

* Aangenaam zal het voorzeker Jesus zijn, als gij Hem voorde H. Communie nog eens het offer brengt van uwe doodrn, en Hem zegt, dat gij u geheel onderwerpt aan Zijn H. Wil, welke liefdevol bepaald heeft hen van u te scheiden. Breng dit offer in veree-niging met Maria, die ook gelaten aanvaardde, dat Haar teergeliefd Kind aan het Kruishout stierf. Bid de volgende oefening van

OVERGEVING AAN GODS WIL.

Van den Herb. Tattler.

Mijn Heer en mijn God, oneindig getrouw in Uwe belofte, en vol onuitsprekelijke liefde, daar Gij van alle eeuwigheid en voor dat ik was, gewild hebt, dat deze beproeving mij trof, zoo vrang ik U, dat niet mijn welbehagen geschiedde, maar het Uwe, dat mij op dit oogenblik en voor alle eeuwigheid dierbaarder is dan de vrijheid, welke ik zou hebben om alles volgens mijn neigingen te verkiezen. Amen.

O Vader vol goedheid, ziehier in Uwe tegenwoordigheid Uw zwak en behoeftig kind, dat heden uit Uwe handen zijn lijden aanneemt, als het zekerste en kostbaarste

ocr page 206

198

blijk Uwer liefde! O oneindig beminnenswaardige Vader, als ik dezen lijdensbeker moet drinken, als een kranke die een bitteren drank moet nemen om de ziekte te verdrijven, dat Uw wil, niet de mijne geschiede! Al wat ik U vraag is dit, dat ik, niets vermogende buiten U, door Uwe kracht worde gesterkt, en dat het ü beliage mij de genade te schenken van mijne smart, volgens Uwe inzichten te dragen. O Heer en God, ik offer U deze beproeving, welke ik met recht verdiend heb. Ik vereenig haar met het lijden van Uwen aanbiddelijken dood, opdat zij, door het deelgenootschap aan de verdiensten van Uw lijden, aangenaam worde in Gods oog, gelijk de dood van den goeden moordenaar, die naast U aan het kruis was gehecht, door den Uwe heilig en verdienstelijk is gemaakt. Amen.

ACTE VAN LIEFDE.

Van den Eerb. Ludovicm van Grenada.

O allerbeminnelijkste Jesus, heil mijner ziel, wanneer zal ik ü toch in alles en door alles behagen, wanneer zal ik uit liefde tot U mij zelf en al het geschapene afsterven. Ontferm U mijner. Heer, en kom mij te hulp. Ik verschijn voor Uwe goddelijke Majesteit, o mijn Zaligmaker, en vereer in den

ocr page 207

199

geest Uwe Heilige Wonden. Eeuwige Liefde, verberg mij in die H. Wonden, opdat ik daarin geheel gezuiverd en geheiligd worde. Barmhartige Jesus, mijn verlangen, mijn hoop, mijn toevlucht, voed mijn hart door Dwe liefde; geef dat mijn ziel geheel en al ontstoken worde door Uwe liefde, neem door dit Goddelijk vuur mijn traagheid weg, en verander daardoor mijn lauwheid in een brandenden ijver om ü trouw te dienen.

O Jesus, ik-verlang naar U, ik draag mij geheel aan U op. Ik wil niets buiten U. Ik wensch niets anders dan Uwe komst in mijn hart. Immers Gij alleen kunt mij bevredige i; Gij zijt mijn Koning, mijn Leidsman en mijn Vader. Gij zijt mij alles. Gij zijt allerbemiii-nelijkst, barmhartig en getrouw. Gij verstoot niemand, die tot ükomt; maar Gij gaat alle i die tot ü komen, te gemoet, om hen op den rechten weg te leiden. Ja, wel toont Gij, dat het Uw wellust is, met de kinderen der me i-schen te zijn. Ik dank U, God, voor de/,e overgroote liefde, want, ofschoon wij niet anders zijn dan zondige en ellendige mea-schen, wilt Gij toch tot aan de voleinding der eeuwen in ons midden blijven. Het w:is U niet genoeg voor ons te sterven, de H. II. Sacramenten in te stellen, ons ter bewaring aan Uwe heilige Engelen toe te vertrouwe.i; Gij zelf. God van oneindige Majesteit, Gij

ocr page 208

200

zelf, wilt onder de nederige gedaanten van brood en wijn onder ons verblijven.

O vuur, dat mij ontvlamt, o liefde, die mij doordringt, die altoos brandt, en nimmer kwijnt, wie kan zich bij U bevinden zonder iets van Uw gloed te ondervinden? Wanneer zal ik U tocb volmaakt beminnen? Wanneer zal ik U met geheel mijn ziel, uit geheel mijn hart, uit al mijn krachten liefhebben? Wanneer zal ik om Uwentwille al wat U mishaagt verzaken, om U alleen te behagen ? Wanneer zal ik al mijn krachten, al mijn vermogens in niets meer aan den dienst der zonde, maar aan U alleen besteden?

O leven mijner ziel, Jesus, die gestorven zijt om mij te doen leven, en die door Uwen dood den dood hebt overwonnen, dood in mij alle zondige begeerten en neigingen, mijn eigen wil, en alles wat mij een beletsel is om voor U alleen te leven; en wek vervolgens in mij op een nieuw leven van liefde en onderwerping. Geef, dat ik Uwe geboden, en van hen, welke Gij over mij hebt aangesteld, getrouw volbrenge; dat ik de zonden, waardoor ik U mijn hoogste goed, vergramd heb, ver-foeie, en door boetvaardigheid mij zelf straffe. Laat mij alles verrichten tot Uwe meerdere eer en om U te behagen. Heilig mijn verstand, mijn geheugen, mijn wil, al mijn woorden en werken. Amen!

ocr page 209

201

GEBED TOT MARIA.

Wees gegroet. Koningin, Moeder van barm-hartigheid! Gij zijt ook in de louteringsplaats het leven, de zoetheid, en de hoop der arme, pijnlijk gefolterde zielen, wees gegroet! Tot TJ roepen zij, deze arme bannelingen, zwakke, zondige kinderen der gevallene Eva! Tot U verzuchten zij smeekend en weenend in hun tranendal! Daarom dan, o Voorspreekster der ongelukkigen, sla ook Uwe barmhartige oogen op hen, en toon hun weldra na hen uit hun ballingschap verlost te hebben, Jesus, de gezegende vrucht Uws lichaams, o goedertierene, o meedoogende, o zoete Maagd Maria.

Nog eenige oogenblikken, en Jesus komt onder mijn onwaardig dak, waar ik Hem zal smeeken voor mijne afgestorven vrienden en verwanten. O, zoo er iemand is, dan hebt Gij voorzeker medelijden met hun droefenis en lijden.

Zoo er één moeder is, die naar de tegenwoordigheid harer kinderen verlangt, dan zijt Gij het. Welnu dan, verwerf mij de genade om Jesus in een rein hart te ontvangen, en, ik ben er verzekerd van, spoedig zal weder een mijner geliefden Uw heilig gezelschap in den hemel gaan genieten. Schenk mij Uw Hart bij het ontvangen van mijn Jesus, en mijn gebeden zullen alles bij Hem vermogen.

9*

ocr page 210

302

Kom, Jesus, kom! Ik verlang naar U, als het dorstige hert naar een verfrisschende waterbron ! Kom, lesch mijn dorst, opdat ik op mijn beurt den dorst kan lesschen van hen, die U en mij dierbaar zijn.

NA DE HEILIGE COMMUNIE.

LOFPRIJZING.

Fan den Eeri. Taulerus.

ü Jesus, mijn Koning en mijn God, mijn liefde en vreugde, U verheft mijn ziel en mijn hart, ü, het leven mijner ziel, den waarachtigen en levenden God, de bron van het Eeuwige licht, hetwelk mij heden is komen bestralen! ü wenscht mijn hart te begroeten, te loven, te verheffen, en te zegenen; en ik leg voor uwe voeten neder alle mijne krachten, al mijne vermogens, het edelste wat ik bezit, als een offer van lof en dankzegging. O Heer, wat zal ik U wedergeven, voor al de weldaden, welke Gij mij bewezen hebt? Zie, Gij hebt mij als het ware liefgehad boven Uwe eigene glorie; Gij hebt U zelven om mij niet gespaard, en daarom hebt Gij mij voor U geschapen, voor U vrijgekocht, en mij tot U geroepen. O God, Gij zijt mijn roem, mijn hoop, mijn vreugde, mijn zaligheid, het verlangen mijner ziel, het leven van mijn le-

ocr page 211

203

ven, en liet geluk mijns harten. Maar ach! mijn God, niet mijn lof, maar Uw eigen glorie alleen kan U verheffen en verheerlijken, want Gij zijt de oorsprong van het eeuwige licht, en de bron des levens. Geen schepsel is waardig genoeg U te loven. Gij zijt alleen U zeiven genoeg, die nimmer verandert of sterft, en in alle eeuwigheid ten volle bevredigt de zielen Uwer Heiligen. Amen.

GEBED VOOR DB GELOOVIGE ZIELEN.

O mijn ziel, houd u thans uitsluitend bezig met den hoogen bezoeker, die zich gewaardigd heeft zijn intrek bij u te nemen. Thans leeft gij niet meer, maar de Almachtige zelf leeft in u, want wie dit Brood heeft gegeten, en dit Bloed heeft gedronken, leeft door Jesus Christus, gelijk Deze zelf leeft door zijn Vader. Vraag thans zonder vrees. Wat gij in deze oogenblikken vraagt, zult gij verkrijgen; zoek thans, en gij zult vinden; klop thans aan de deur van de Goddelijke schatkamer, en zij zal u geopend worden, opdat gij met volle handen daaruit kunt nemen.

O God, Hemelsche Vader, welk een groot vertrouwen bezielt mij op dit oogenblik. Het bemoedigde mij reeds zeer, dat Uw beminde Zoon mij zelf leerde wat ik U moest vragen, en op welke wijze, maar thans kent dit vertrou-

ocr page 212

204.

wen geen grenzen meer, nu ik weet dat Hij zelf in mijn hart is nedergedaald om met mij en in mij te bidden, nu Hij als voorspreker, met mij één is geworden. Ach, nu mijn ziel volgens het woord van den H. Augustinus als in Hem veranderd is, en zich de deelge-noote zijner goddelijke natuur mag noemen, nu vraag ik U om erbarming voor mijn geliefden in het vagevuur. Erbarming, o mijn God, erbarming met die zielen, op welke de zonde zoo ontzettend zwaar gewroken wordt! Erbarming met hun lijden! erbanning met den vuurgloed die hen foltert, met den dorst en den honger, die hen kwelt, met de koude en ontbering die hen martelt, met de duisternis, die hen benauwt! Hoor hun zuchten en geween; laat U verteederen door hun verlangen naar Uw bezit.

O God, die zielen zijn immers ook Uwe geliefden ! Hebt Gij haar niet van eeuwigheid geroepen en uitverkoren tot Uw Rijk? Zijn zij niet geteekend in den naam Uwer Heilige Drieëenheid? Was haar laatste zucht, gein zucht van liefde en verlangen naar U? En kunt Gij dan jegens haar Uwe barmhartigheid vergeten? Vader der barmhartigheden en God van alle vertroosting, red, red haar, die U voor alle eeuwigheid toebehooren. Ik weet het, mijn gebed is niet waardig verhooring te vinden bij U, maar zie neer op het aanschijn

ocr page 213

205

van Uwen Gezalfde, die op dit oogenblik in mij vertoeft. Gij hebt beloofd, dat Gij Hem verboeren zult, om der wille van de glorie die Hij U geschonken heeft door zijn dood. O, om der wille dus van het onbevlekte Lam, waarvan ik het vleesch heb gegeten, het Bloed heb gedronken, en dat zich in mij als zoen-offer aanbiedt, wijs mijn gebed heden niet af: schenk vergeving, kwijtschelding aan de arme zielen, voor welke ik U bid. Moge het dierbaar Bloed van dit Lam roepen tot voor Uw troon, niet om wraak over de zonden, maar om leniging in het lot dezer beklagenswaar-digen. Dat het nederdale in deze plaats van ellende, om hen geheel en al van schulden en straffen te zuiveren, hen te vertroosten en te verkwikken. Dat het hun het hemelseli bruiloftskleed verwerve, en hen in Uwe armen voere, waar zij voor eeuwig aan Uw Hart zullen rusten en vol erkentelijkheid U zullen loven. Amen.

GEBED TOT DE DRIE GODDELIJKE PEKSONEK.

God, Hemelsche Vader, ontferm U over de arme zielen des vagevuurs. Gij hebt haar geschapen om U eeuwig in den hemel te aanschouwen, te loven en te danken. Door Jesus Christus, Uwen Zoon, bid ik U, verlos haar uit de pijnen, welke zij rechtvaardig lijden.

ocr page 214

206

üeef, dat zij spoediger liet doel, waarvoor zij door ü uit het niet werden geroepen, mogen bereiken, en de eeuwige vreugde genieten.

God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U over de zielen des vagevuurs. Door Uw dood en bitter lijden hebt Gij voor haar den hemel verdiend. Door deze oneindige verdiensten bid ik ü, verlos haar uit de pijnen, welke zij rechtvaardig lijden Geef dat zij spoediger alle vruchten van Uwe Menschwording waardig worden, en er U in alle eeuwigheid voor loven en danken.

God, Heilige Geest, ontferm U over de arme zielen des vagevuurs. Gij hebt haar geheiligd door het Sacrament des Doopsels, en met ontelbare andere genaden verrijkt. Door de ein-delooze liefde, welke U daartoe bewogen heeft, bid ik U, verlos haar uit de pijnen, welke zij rechtvaardig lijden. Geef, dat zij spoedig het eeuwig erfdeel mogen bezitten, waartoe Gij haar de rechten en aanspraken hebt geschonken, en in dat bezit zich eeuwig verheugen.

GBUBD OP DE VIJF DROEVIGE AEYSTE1UEN.

(Met ioo dagen aflaat.)

O Jesus, door het bloedig zweet, dat Gij zoo overvloedig in den Hof vergoten hebt, heb medelijden met mijne bloedverwanten, die in

ocr page 215

207

het vagevuur lijden! Onze Vader, enz. Wees gegroet, enz,. Heer, geef hun, enz.

O Jesus, om de wreede geeseling, die Gij aan de geeselkolom hebt ondergaan, heb medelijden met de zielen mijner nabestaanden en vrienden, die in het vagevuur lijden. Onze Vader, enz. als boven.

O Jesus, om de scherpe doornen, welke Uwe gewijde slapen zijn ingedrongen, heb medelijden met de ziel, welke het meest verlaten is en met die, welke het meest van haar verlossing verwijderd is. Onze Vader, enz. als boven.

O Jesus, door Uwen droevigen kruisweg, heb medelijden met de ziel, welke het dichtst bij hare verlossing is; en door de smarten, welke üij met Maria, Uwe allerheiligste Moeder, geleden hebt, toen Gij elkander op den weg ontmoetet, verlos uit het vagevuur, de zielen welke veel godsvrucht voor Haar hebben gehad. Onze Vader, enz. als boven.

O Jesus, door Uw heilig Lichaam, dat op het Kruis is uitgestrekt geworden, door Uwe heilige, doorboorde voeten en handen, door Uwen wreeden dood, door Uwe doorstoken Zijde, heb erbarming met deze arme zielen, bevrijd haar van haar wreede straffen, roep haar tot U, en geef haar toegang tot het verblijf Uwer zaligheid. Amen. Onze Vader enz. als boven. --

ocr page 216

208

Zielen des vagevuurs, die zoo wreed gefolterd wordt door zoo ontelbaar vele smarten, ik beloof U, als uw getrouwe dienaar, u nimmer te vergeten, en voortdurend den Allerhoogste voor u te zullen bidden. Ik verzoek u dan op uwe beurt mij van God, bij wien Gij zooveel vermoogt, te verkrijgen dat ik van alle gevaren naar ziel en lichaam bevrijd blijve. Ik verzoek u voor mijne ouders, nabestaanden, vrienden, weldoeners en vijanden, de vergeving van hun zonden, het eeuwig geluk, en dus eveneens de volharding in de deugd. Verwijdert van ons alle rampen, ongelukken, ziekten, angsten en zorgen. Verkrijgt ons den vrede der ziel, staat ons altoos bij in onze handelingen, helpt ons altoos spoedig in onze geestelijke en tijdelijke behoeften, troost ons en verdedigt ons in de gevaren. Bidt voor den Paus, voor de verheffing der H. Kerk, voor de eendracht der volken, voor de Christen vorsten, voer de rust der landen, en verwerft dat wij ons eenmaal gezamenlijk kunnen verheugen in den hemel. Amen.

Mijn Jesus, Barmhartiglieid! (100 dag. afl.)

* De Goddelijke Zaligmaker verscheen eens aan de H. Mechtilda bij eene H. Communie voor degeloo-vige zielen. Hij legde haar op, eenmaal het „Onze Vaderquot; te bidden. De Heilige deed dit op de wijze, welke Jesus haar openbaarde, en bij het eindigen van haar gebed ontving zij de zekerheid, dat daardoor

ocr page 217

209

een groot aantal zielen van haar pijnen verlost waren geworden. Bidden wij het derhalve ook in deze kostbare oogenblikken met aandacht en godsvrucht.

Onze Vader, die in de hemelen zijt, ik bid U, schenk vergiffenis aan de geloovige zielen des vagevuurs. Het is waar, op aarde hebben zij U, o Vader, die allen lof en liefde over-waardig zijt, die haar louter uit goedheid tot Uwe kinderen hadt aangenomen, niet genoeg bemind, den verschuldigden eerbied onthouden, en U zelfs uit haar hart verbannen, waarin Gij zoo gaarne Uw intrek hadt genomen. Doch zie, tot vergiffenis van haar zonden, bied ik U de liefde en vereering aan, welke Uw welbeminde Zoon U altoos op aarde heeft betoond, en de oneindige verdiensten, waardoor Hij zoo overvloedig hare zonden heeft uitgeboet. Amen.

Geheiligd zij Uw Naam; ik bid U, Goedertieren Vader, schenk vergiffenis aan de geloovige zielen des vagevuurs. Het is waar, zij hebben Uwen heiligen Naam niet genoeg ge-eerd, dien zelden met godvruchtige aandacht overwogen, maar integendeel dikwijls ljde.1 gebruikt, en zich den naam van Christen onwaardig gemaakt. Doch zie, tot vergiffenis van haar zonden, bied ik U de allervolmaaktste heiligheid van Uwen eenigen Zooit, en den allergrootsten ijver, waarmede Hij in leeringen aan het volk Uw Naam heeft ver-

ocr page 218

210

heven, en door allerheiligste daden heeft verheerlijkt. Amen.

Ons toekome Uw rijk. Ik bid ü, o goedertieren Vader, schenk vergiffenis aan de geloo-vige zielen des vagevuurs. Het is waar, zij hebben niet met vurigen ijver naar U enüw rijk, waarin toch alleen ware rust en glorie te vinden is, verlangd, er niet met zorg en liefde naar gestreefd. Doch zie, tot uitboeting der onachtzaamheid, waarmede zij ü hebben gediend, bied ik U het brandend verlangen, waarmede Uw dierbare Zoon haar aan de glorie van Zijn Rijk heeft willen deelachtig maken. Amen.

Uw wil yesehiede op de aarde ah in den hemel. Ik bid ü, o goedertieren Vader, schenk vergiftenis aan de geloovige zielen des vagevuurs. Het is waar, zij hebben niet in alles aan Uwen wil boven den hare de voorkeur gegeven, maar dikwijls volgens hun eigen inzien hunne daden bestierd. Doch zie, tot voldoening voor hare ongehoorzaamheid, offer ik U de allervolmaaktste overeenkomst van Uwen H. Wil met dien Uws eenigen Zoons, ik offer U de gehoorzaamheid, die Hij U heeft betoond tot den dood, ja tot den dood des kruises. Amen.

Geef ons heden ons dagelijhch hrood. Ik bid ü, o goedertieren Vader, schenk vergiffenis aan de geloovige zielen des vagevuurs. Het

tl

ocr page 219

211

is waar, zij hebben het Allerheiligst Altaarsacrament niet met een waar verlangen, zonder veel godsvrucht of vurige liefde ontvangen, velen zelfs zich die goddelijke spijs wellicht onwaardig gemaakt; anderen zijn niet dan zeer zelden tot de H. Tafel genaderd. Doch zie, tot uitboeting van hare flauwheid, oifer ik U de groote godsvrucht, de brandende liefde, de vurige begeerte, waarmode üw eenige Zoon ons den kostbaren schat van zijn liefdegeheim geschonken heeft. Amen.

En vergeef ons onze schulden, gelijk wij vergeren onzen schuldenaren. Ik bid ü, o goedertieren Vader, schenk aan dc geloovige zielen vergiffenis van al hare zonden, vooral van di(i, welke de oorzaak vau alle andere zonden zijn geweest. Het is waar, zij hebben vaak geweigerd, aan hen, die haar hadden beleedigd vergeving te schenken; zij hebben niet altoos hare vijanden met voldoende liefde bemind. Doch zie, tot voldoening van al hare zonden, oifer ik ü het treffend gebed, dat üw welbeminde Zood op het kruis ü voor de vergiffenis zijner vijanden heeft opgedragen. Amen.

Fm leid ons niet in bekoringen. Ik bid U, o goedertieren Yader, schenk vergiffenis aan de geloovige zielen des vagevuurs. Het is waar, zij hebben niet genoeg weerstaan aan de kwade begeerten en zondige neigingen.

ocr page 220

312

en daarentegen de verlangens van het vleesch voldaan, en zich alzoo in de strikken des duivels verward. Doch zie, tot voldoening voor al hare zonden, offer ik U de roemrijke zegepraal, welke Uw welbeminde Zoon op de wereld en op den duivel behaald heeft; ik offer U zijn allerheiligst en allerverdien-stelijkst leven, zijnen arbeid en zijne vermoeienis, zijn bitter lijden en zijnen smart-vollen dood. Amen.

Maar verlos ons van den kwade. Verlos, o Heer, de geloovige zielen van alle kwaad, en verleen haar kwijtschelding van al hare straffen, door de verdiensten van Uwen eeni-gen Zoon. Geleid haar en ons tot Uwe eeuwige glorie; tot de aanschouwing en genieting van Uw goddelijk wezen. Amen.

GEBED OM BEN VERHEUGD EN EEUWIG WEDERZIEN.

O Jesus, wanneer zal het oogenblik aanbreken, dat ik en de mijnen op Uwe stem weder onze lichamen aan zullen nemen, om dan nimmer meer gescheiden te worden? Ja, Heer, dit verwacht ik met zekerheid \ Uwe liefde. Daarom heb ik mij heden met Uw Lichaam en Bloed gevoed. Die Uw Vleesch eet en Uw Bloed drinkt, zal leven in eeuwigheid. Ik heb thans de kiem mijner

ocr page 221

213

verrijzenis in mij; een zaad dat mij uit het verderf zal doen opstaan en mij even als mijn geliefden zal verheerlijken ten eeuwigen leven. O Jesus, laat deze üwe beloften aan ons vervuld worden. Amen.

os, o 'aad, hare seni-ivjge van

lantern om Ja, fan net Jw en ler

ocr page 222

X.

Op den feestdag- van de Gelukz. Iinelda, (16 Sept.) of op den laatsten dag: der NoTene, welke men ter Harer eer houdt om de genade te bekomen niet meer godsvrucht te commnniceereu.

VOOR DE H. COMMUNIE.

KLACHT VAN DJS ZIEL IN DOKHEI I).

kan den Gelukz. Hcnricus Huso.

cli, Heer, sla genadiglijk een blik Uwer liefde op de rerlatenheid en de dor-lieid mijner ziel. Ik ben als een kranke, die voor niets smaak heeft, wien alles tegenstaat. Mijn licliaam is loom, mijn geest is traag; inwendig ben ik als versteend, uitwendig ben ik geheel rouw. Alles wat ik hoor of zie, verdriet mij, ofschoon ik weet dat het goed voor mij is. Door de verlatenheid gevoel ik in mij sterkere neiging tot het kw aad, groo-tere zwakheid om mijn vijanden te weerstreven, ik ben koud en lauw voor goede werken. Wie in mijn hart zon kunnen zien, zou het vinden als een huis, waaruit de bewoner.

ocr page 223

215

welke daar voorheen zijn hooge bevelen gaf, en wien alles op een wenk gehoorzaamde, verdwenen is.

Maar, Heer, wanneer ik Uw bezrek levendig gewaar word, dan rijst voor mij als een morgenster in den donkeren nacht; dan verdwijnt alle duisternis, en niets schijnt mij nog moeielijk. Dan lacht mijn hart, dan stort zich mijn gemoed uit, dan verheugt zich mijn ziel, dan is het mij alom hoogtijd, en alles, wat in en aan mij is, Icoft en zegent U. Wat mij vodr dien tijd zwaar en ondoenlijk voorkwam, wordt zoel en licht; dan acht ik vasten noch waken, bidden noch lijden of strijden, want ik gevoel, dat Gij met mij zijt. Dan ben ik met die vastberaden lieid bezield, welke mij straks in Uw afwezigheid ontzinkt. Mijn ziel wordt zoo met licht en waarheid en zoetheid als doorstroomd, dat zij alle bezwaar voorbij ziet. Dan kan mijn hart Uwe grootheid en goedheid met innig genot overwegen, dan kan ik met U uit den overvloed van mijn gemoed tot U spreken; dan is mijn lichaam in staat alles te verduren, en al wie zijn hart voor mij uitstort, kan ik behulpzaam zijn met den raad, welken hij begeert. Dan is het mij, o God, als ware ik reeds niet meer aan tijd en plaats gebonden, maar verkeerende in de voorhoven Uwer gelukzalige eeuwigheid, Ach, mijn God, hoe kan ik dien toestand duurzaam doen zijn ?

ocr page 224

216

Ach! op één oogenblik mis ik dit weder, en ik gevoel mij op nieuw, zooals thans, eenzaam en verlaten. En dan ben ik weder alsof it TJwe tegenwoordigheid nooit genoten had, tot dat ik haar na eenigen tijd van diepe ziele-smart, opnieuw gewaar wordt. O mijn God, kom dan, sta op, waarom schijnt Gij als te slapen voor mij? Waarom vloeien voor mij niet meer de bronnen Uwer barmhartigheden? Heb medelijden met mij? Ik ben als de bergen van Gilboa, die door den vloek van David geen hemelschen dauw of regen ontvingen. Ach, is mijn boosheid dan zoo groot, dat zij mij zelfs de barmhartigheid onwaardig maakt van Hem, wiens natuur louter barmhartigheid is.

Doch, Heer, ik onderwerp mij geheel aan Uwen aaubiddelijken Wil. In Uwe handen kan ik gerust mijn toestand stellen j Gij weet, wat goed voor mij is, hoe ik U het beste kan dienen, in zoete vertroosting of in dorheid. Geef mij niets. Heer, dan hetgeen Gij wilt, en doe met mij alles, wat Gij wilt, en zoo Gij het wilt. Amen.

GEBED OM DE GAVE DEK GODSVEUCHT.

(IV Boek der Navolging, 14de Hoofdst.)

Hoe groot, 0 Heer, is het goed, hoe velerlei is het genot, dat Gij hen doet smaken die V eeren !

ocr page 225

217

Als ik bij mij zeiven oTerweeg, met welk eene overgroote liefde en Godsvrucht sommige vrome zielen tot Uwe Heilige Tafel naderen, dan sta ik dikwerf verlegen, en schaam mij, dat ik mij met zulk een koud en ongevoelig hart tot Uwe Heilige Tafel begeef.

Ik schaam mij, dat ik zoo dor en zonder eenig gevoel blijf, dat ik voor U, mijn God, van liefde niet geheel ontstoken word, noch bij mij die sterke aantrekking en aandoening ontwaar gelijk sommige Uwer Vrienden, die, door de overgroote Turigheid, waarmede zij tot Uwe Heilige Tafel als aangetrokken werden, en door de krachtige liefde huns harten, hunne tranen niet kunnen bedwingen; en die niet slechts met den mond, maar ook met het hart, naar U, o God, de ware levensbron, gretig dorsten. Hun dorst en honger worden nooit verzadigd, vooraleer zij Uw Lichaam en Bloed met de hoogste voldoening en geestdrift genuttigd hebben.

Hoe vurig brandend, hoe levendig is hun geloof! welk een tastbaar bewijs geven zij van Uwe Goddelijke tegenwoordigheid!

Trouwens zij, wier harten zoo zeer branden, als Jesus met hen wandelt, die moeten ook waarlijk wel bij het breken des Broods hunnen Heer erkennen.

Ach! hoe dikwijls ben ik van zulk een

10

ocr page 226

218

innig gevoel, zulk een levendige godsvrucht, en vurigen ijver en liefde nog verre verwijderd !

Wees mij dan genadig, goede, liefderijke en barmhartige Jesus! laat tocli ook Uwen armen Bedelaar van tijd tot tijd aan Uwe Heilige Tafel ten minsten een weinig van die liefde gevoelen, opdat alzoo mijn geloof al meer en meer in kracht toeneme, mijn vertrouwen op Uwe goedheid vermeerdere, en mijne liefde, wanneer zij, na het nuttigen van Uw Hemelsch Brood, eens ten volle ontstoken is, altoos brande, en nooit uitge-bluscht worde.

Uwe barmhartigheid immers is machtig genoeg, mij ook deze zoo gewenschte gunst toe te staan, en mij, ten tijde, als het ü zal behagen, met zulk een geest van vurige liefde goedgunstig te bezoeken.

Want, hoewel mijn hart nog niet die godsvrucht en vurige begeerte heeft welke Uwe bevoorrechte vrienden hebben, gevoel ik echter door Uwe genade in mij zulk een hevig verlangen daarnaar in mijn hart, dat ik van harte U bid, eenmaal dezelfde liefde als zij te mogen gevoelen, en onder hun heilig gezelschap te worden gerekend. Amen.

GEBED TOT DE H. 1MELDA.

Met liet levendigst vertrouwen, o machtige.

ocr page 227

219

heilige Imelda, nader ik U op dezen dag. De gesteltenis van mijn hart bij het ontvangen van liet Allerheiligst Sacrament doet mij grootelijks leed. Ach, wat is mijn liefde flauw in die heilige oogenblikken voor en na de H. Communie! Hoe weinig kan ik dan zeggen tot den-Hoogen Bezoeker, die in mij Zijn intrek komt nemen! Hoe dwalen dan mijne gedachten af naar ijdele zaken, naar beuzelingen, waarover ik mij diep zou moeten schamen, wanneer zij gekend werden door de wereld! En nu kent haar de God, die in mij komt, en daarover schaam ik mij niet? Ik verzuim in schuldige nalatigheid die gedachten van mij af te zetten j wellicht zelfs ben ik vrijwillig oorzaak, dat zij in mij opkomen, en mij niet verlaten, alvorens ik de kerk verlaat! En zoo geschiedt het, dat ik weinig voor Jesus gevoel, wanneer Hij in mijn hart afdaalt, dat ik die kostbare oogenblikken laat voorbijgaan, zonder Hem te hebben afgevraagd, wat Hij van mij terug wenscht voor het geschonken blijk Zijner liefde, dat ik zelfs niet, dwaze en onverstandige die ik ben, mijne behoeften aan Hem voorstel. Hem, die mij, na zich zeiven geschenken te hebben, niets zou kunnen weigeren.

Die toestand verdriet mij, liefdevolle, goe-dertierene Imelda, teedere beschermster van allen, die U aanroepen. Ik kies ü voor mijne

ocr page 228

2ao

Patrones en mijne voorspraak. Ik wil trachten, zooveel in mij is, D te doen kennen, te doen vereeren, en te doen beminnen, om dan door üw tusschenkomst genezing te bekomen van de geestelijke krankheid mijner ziel. Ach, ik wenschte zoo vurig, mij volgens Uw voorbeeld voor te kunnen bereiden tot het gewichtig oogenblik der H. Communie. Ik wenschte een zelfden honger te hebben, als Gij, naar dit Brood des levens. Ik wenschte mij geheel en al, zonder eenige verstrooidheid, te kunnen bezighouden met den God, die zich met mij wil komen vereenigen! Ik wenschte diep doordrongen te zijn van de waarheid, dat mij niets verhevener, niets grootscher in het leven kan te beurt vallen! Ik wenschte zoo levendig als Gij te beseffen, hoe onmetelijk de liefde van mijn Jesus is in dit Zijn ondoorgrondelijk liefdegeheim! Ik wenschte mij zelf geheel en al in Hem te kunnen verliezen, zooals dit U ten deel viel bij Uwe H. Communie. Ik wenschte voor het minst die oogenblik ken na de H. Communie beter te gebruiken, dan ik thans doe, meer mij met mijn hoogen Bezoeker te onderhouden, meer offers, welke Hij van mij terugverlangt, aan Zijn voeten neer te leggen, meer Hem te kunnen vragen voor mij zelf en voor anderen, meer voornemens te maken voor de toekomst, meer voor het vervolg mij Zijn

ocr page 229

221

liefde en vriendschap te verzekeren. Ik wenschte reeds een dag voor Zijn ontvangst in een blijde verwachting te verkeeren, pp den dag zelf herhaaldelijk te denken aan hetgeen mij gebeurde. In een woord, ik wenschte. Patrones der godvruchtige H. Communie, meer godsvrucht te gevoelen bij deze, de belangrijkste gebeurtenissen van mijn leven.

Ach, door de vereering, die ik voortaan altoos voor U zal koesteren, verkrijg mij toch die gunst bij üwen Goddelijken Bruidegom, Jesus! Tot dit doel draag ik deze H, Communie ter uwer eere op. O mocht deze hoogheilige handeling ü, die zoo groot zijt bij God, naar waarde eer en glorie aanbrengen. Moge zij ü zoo behagen, dat Gij mij van Jesus, Uw geloof. Uw ootmoed. Uw reinheid van harte. Uw verlangen. Uw aandacht. Uw eerbied, vooral Uw vurige liefde verkrijgt. En zal ik het wel nimmer waardig worden, even als Gij, na de H. Communie voor eeuwig niet meer uit de omhelzing van den Bruidegom mijner ziel te kunnen worden losgerukt; o verkrijg mij ten minste, dat ik nooit meer door de zonde van Zijne liefde worde gescheiden, dat ieder H. Communie mij steeds nauwer en nauwer met Hem vereenige, en dat ik, na Hem een laatste maal ontvangen te hebben in mijn stervensuur, in alle eeuwigheid met Hem allerinnigst verbonden blijve. Amen.

ocr page 230

232

V ACTE VAN OOTMOED.

i

ti Van den Eerh Ludovicus van Granada.

L[ O mijn God, daar is een tijd geweest, — en aan ü alleen moet ik het dank weten, T dat hij niet meer is, — dat ik uwe oneindige 1 schoonheid niet lief had, dat ik het nietige stof hooger schatte dan al den rijkdom Uwer ^ genaden, eu de hoop op Uw eeuwige glorie. J Mijn ongeregelde verlangens waren mijn levensregel: ik achtte Uwe Wet niet meer, ik | had geen eerbied meer voor U, wijl ik U niet kende.

' Ik ben die dwaze, die in zijn hart gesproken had: //Daar is geen God!quot; Immers ik heb zoo bandeloos geleefd, dat ik door mijne han-j delingen scheen te ontkennen, dat Gij bestaat. Ik heb niet gewerkt om Uw liefde wederom waardig te worden; Uw rechtvaardige oor-deelen heb ik niet gevreesd; ik schroomde niet Uwe geboden te overtreden; ik verzuimde U mijn schuldigen dank te brengen, en ofschoon ik wist, dat Gij overal tegenwoordig zijt, heb ik mij toch niet geschaamd te misdoen.

Wat mijn oog heeft begeerd te zien, heb ik het toegestaan; mijn hart heb ik niet bedwongen, zijn verkeerde neigingen den vrijen teugel gelaten! Ach, wat was mijn geheele leven anders dan een voortdurend strijden

ocr page 231

223

tegen U ? Wat anders dan een voortdurende vernieuwing Uwer smarten en bitteren dood? Hoe vaak heb ik U, als een andere Judas, voor een kortstondig genot, of voor een geringen prijs verraden? En als ik nu tot U nader, ben ik dan niet als dezelfde Judas, die U met een kus overleverde? Heb ik mij niet bij de soldaten gevoegd, die TJ hebben bespot, heb ik ü niet beschimpt en gescholden, niet spottend de knie voor Ü gebogen, en met den rietstaf op Uw gezegend hoofd geslagen ?

Hoe zou ik het dan onderstaan, om U te ontvangen, o Heer, in zulk een onzuiveren en misdadigen staat ? Zou ik mij durven verstouten Uw goddelijke Menschlieid binnen te voeren in een hol van monsters, in een nest van slangen? Is het hart bezoedeld door de zonde geen woonplaats der duivelen? Is het geen stal van onreine dieren?

En hoe zoudt Gij dan in mijn hart komen wonen, o God, die de maagdelijke reinheid zelve zijt! Gij zijt de bron van alle schoonheid, hoe zoudt Gij dan in zulke afschuwwekkende woning kunnen verblijven ! Hoe kan de rechtvaardigheid met de boosheid veree-nigd worden, het licht met de duisternis, den Gezalfde des Vaders met den Belial, den vorst der hel! O bloem der velden, o lelie der dalen, o Brood der Enselen. waar-

ocr page 232

22i

lt;

om wordt Gij niet de dieren voorgeworpen!

Waarom, o mijn God, laat Gij nu toe, dat men die spijze de honden voorwerpt, en de kostbare paarlen voor de zwijnen? O Minnaar der zuivere en reine z:elen, die onder de lelien weiden gaat tot de avond valt en de schaduwen verdwijnen, welk voedsel zal ik U aanbieden in een hart, dat niets dan doornen en distelen voortbrengt? Uw rustplaats is van het fijnste cederhout van den Libanon, steunt op pilaren van het üjnste goud; in mijn hart zult Gij daar niets van vinden, welk een troon kan ik daar voor U oprichten, welk rustbed daar spreiden?

üw Lichaam werd na de afneming van het kruis in een allerzuiverst lijnwaad gewikkeld, en in een nieuw graf neergelegd. Maar welk deel van mijn ziel is zuiver? Welk hoekje van mijn hart is nog nieuw als üw graf? Is mijn mond niet eerder een open graf, waaruit niets dan bederf en onreinheid opstijgt? Wat is mijn hart anders dan een put van de slechtste begeerten en neigingen? Wat is mijn wil anders dan de woning en het verblijf der duivelen? Hoe zou ik U dan durven naderen, U ontvangen, en ü mijne onreine lippen aanbieden? Daar is geen hoekje meer in mijn ziel, dat niet vaak door allerhande zonden is ontreinigd geworden. Neen, ik bezit geen nieuw en zuiver graf meer om U

ocr page 233

233

neder te leggen. O Verlosser en Zaligmaker, ik verga van schaamte, bij het zien van dezen toestand. Ik schaam mij diep als ik naga hoe ik tot Uw Tafel nader, hoe ik ü nader om mij met U te vereeoigen, met U, die, ondanks alles, mij weder met liefde wilt ontvangen. Amen.

ACTE VAN VERLANGEN.

Naar den Gelukz. Henricus S//so en andere (jeente-lijhe Schrijvers der middeleeuwen.

O zoete Engelenspijs, o waar Hemelbrood der bannelingen in deze woestijn, ik smaak Uwe zoetheid, die de lust en vreugde der Koningen is, nog zoo weinig! Gij zijt het Woord der Almacht, de Bron der Wijsheid, het paradijs van welgevallen en rust. Trek mij tot U om alle zoetheid van Uw zoetheid te smaken, opdat ik van begeerte worde ontvlamd om mij deze spijs der gelukzalige eeuwigheid te verschaffen. Ach, mijn dierbare Zaligmaker, zoo ik aanstonds Uw gast zal zijn, gelijk Gij de mijne zult worden, licht dan voor mij eenigszins den sluier Uwer geheimenis op, opdat ik iets moge gewaar worden van het Licht, waarvan ik heb hoeren spreken, en opdat ik de wonderen van Uwe wijsheid, die ik aanschouw, eenigszins begrijpe. Geef mij die zalige genieting van Uwe trouw en

10*

ocr page 234

226

liefde, die ik reeds zoo vaak heb ondervonden. Ach, mijn ziel, wanneer zult Gij naar waarheid kunnen spreken: //Wat mijn oor heeft vernomen van mijnen Welbeminde, dat hebben mijne oogen aanschouwd; de wonderen, welke mijn oog heeft gezien, heeft mijn hart begrepen, en de Spijs welke mijn mond heeft geproefd, heeft mijn hart in alle zoetigheid gesmaakt.quot;

O Jesus, Gij zijt het Woord, het oneindig Beeld, waarnaar alle dingen gemaakt zijn, en toch hebt Gij U willen verbergen onder de gedaante van een geschapen wezen. Gij zijt de luister, welken de Godheid afstraalt, en hier hebt Gij U met de nederige broodkleuren omhuld. Gij zijt de bron, waaraan het bovennatuurlijk leven ontspringt en hier gaat Uw grootheid schuil onder een schaduw, om mij het licht te doen zien.

O Jesus, Gij zijt een Paradijs van zalig genot, waaruit ons de zoetheid en opbeuring tegengeurt. In dat Paradijs eet ik de vrucht van den Boom des Levens, die mij ter zaligheid versterkt, en mij in eeuwigheid bewaart. Mijn ziel haakt naar die Spijze, o Jesus, na zooveel ijdele voldoening, om daar de bevrediging te vinden, die ik zoek. Daarom dan allerliefste Jesus, schenk U dan heden aan mij in al üw zoetigheid, en sta mij toe U zooveel doenlijk te smaken en genieten. Geef

ocr page 235

237

U aan mij als een zachte dauw en een wel-dadigen regen, en als de vrucht des levens, die in hare genieting allen anderen honger en alle andere lusten stilt. Geef mij die heden, geef mij die vele dagen mijns levens. Amen. Kom, Heer Jesus, kom!

NA DE HEILIGE COMMUNIE.

GROET AAN JESUS.

Welkom, lieve Jesus, welkom onder mijn nederig dak! Geëerd, geloofd, gezegend, aanbeden zij eeuwig Uw allerheiligste Majesteit, die in haar liefde zich zelve thans aan mij meedeelt! Ach, mijn ziel, welk een geluk is thans het uwe, gij bezit Jesus, de bron van alle goed op dit oogenblik in uw hart. Hij heeft daar Zijn troon gevestigd; Hij zetelt daar, omstuwd van duizenden en duizenden Zijner Engelen. Juich thans in uw verheffing : Hij die machtig is, heeft groote dingen aan u gedaan. Werp u voor Hem neder in het stof, en erken Zijn grootheid en majesteit. Belijd Hem met Zijn dienaar, den H. Augusti-nus: O God, Vader, Zoon en Heilige Geest, drievuldig in Persoon en één in Wezen, Gij zijt waarlijk almachtig, onstoffelijk, onzicht-

ocr page 236

r

in !iï :3

baar, onbegrijpelijk, daar er niets boven U is, en op alle mogelijke wijzen volmaakt zonder eenige onvolmaaktheid. Gij zijt eeuwig zonder tijd, levend zonder dood, krachtig zonder zwakheid, waarheid zonder leugen, alomtegenwoordig zonder aan plaatsgebonden te zijn, alles op elke plaats. Gij schept alles zonder iets te behoeven, regeert alles zonder arbeid, geeft alles liet begin, zonder zelf een hegin te hebben, verandert alles, zonder zelf te veranderen. Gij zijt oneindig in grootheid, almachtig in sterkte, allesoveitreffend in goedheid, onschatbaar in wijsheid, ontzachwekkend in Uwe besluiten, rechtvaardig in Uwe oor-deelen, ondoorgrondelijk in Uwe gedachten, waarachtig in Uw woord, heilig in Uw werken, overvloedig in Uw barmhartigheden, allergeduldigst jegens hen die U beleedigden, vol meedoogen voor de berouwhebbenden. Gij zijt altoos dezelfde, eeuwig, onsterfelijk, onveranderlijk. Geen behoefte kwelt U, geen droefheid pijnigt U, geen vreugde ontroert U. Niets vergeet Gij; alles herinnert Gij U; het toekomende en het verledene hebt Gij immer vóór U; Uw oorsprong is zonder begin; Uw tijd vermindert of vermeerdert niet; niets kan U doen ophouden ; en zoo zult Gij leven iii alle eeuwen, door alle eeuwen heen, tot alle eeuwen. U alleen zij deze onmetelijke lof, eeuwige glorie, opperste macht, onovertroffen

ocr page 237

229

eer, eeuwige heerscliappij, regeering zonder einde, door de oneindige, ontelbare en onsterfelijke eeuwen der eeuwen. Amen.

GEBED.

O Jesus, thans in mijn hart tegenwoordig, ik draag de verheven handeling, welke ik zoo even verricht heb, op de eerste plaats aan ü op, om Uwe oneindige volmaaktheden te loven en te prijzen, om voor Uwe liefdeblijken mijne zwakke erkentelijkheid te betoonen, en om ü de voortduring Uwer barmhartigheden ten mijnen opzichte te verzoeken. Maar op de tweede plaats wensch ik daarvoor, lieve Jesus, Uwe Heiligen te eeren en wel inzonderheid mijne gelukzalige Patrones Imelda, de Voor-sprekeres van allen, die U met meer godsvrucht begeeren te ontvangen. O, dat dan deze Heilige Communie strekke om haar eerbied en geloof, haar levendige godsvrucht en vurige liefde te vieren en te prijzen! Dat alles wat leven heeft op aarde, haar verheffe en love! Dat al wat in den hemel haar liefde voor Uw H. Sacrament bewonderd heeft. Haar den verdienden lof toezwaaie! Dat Uwe H. Moeder, welke Zij heeft gediend en bemind op aarde. Haar ten aanschouwe der Engelen en zalige Hemelbewoners verheer-lijke en kroone! Maar boven alles. Gij, lieve

ocr page 238

330

Jesus, die thans in mij leeft, die mij tlians niets weigeren zult, verhef Haar, en schenk Haar de volheid van Uwe glorie en zaligheid. Voeg u bij mij, nu Gij u zelf met mij hebt vereenigd, en één wilt zijn met mij, om alle gevoelens welke haar jeugdig hart voor Uw Liefdegeheim bezielden, te loven te prijzen, te verheffen, en Haar de eeuwige kroon te schenken, welke Haar daarvoor krachtens Uwe belofte toekomt.

En meer nog wenschte ik U te vragen. Goddelijke Zaligmaker! Geef mij, bid ik U, de genade om mijn H. Patrones van zeer nabij na te volgen. Geef mij, dat ik mij van nu aan altoos waardiger tot mijne H. Communiën voorbereide. Dat mijn geest zich niet bezig houde met die ij dele, onnutte zaken, alle slechte ingevingen verzette en uitsluitend met heilige, vrome gedachten vervuld zij. Neem van mij weg die verstrooiingen, welke wel niet altoos van mijn wil afhangen, maar welke ik toch vaak uit achteloosheid of lauwheid niet verdrijf, welke ik mij wellicht somtijds, tot mijn schaamte beken ik het, vrijwillig voor den geest heb gehaald. Laat mijn hart dan ook geen andere neigingen en begeerten voor het aardsche gevoelen, dan voor zoover zij U behagen. Vervul het met innig berouw, diepe vereering, heilige vrees, blijde verwachting, volle overtuiging van eigen niets-

ocr page 239

231

waardigheid, levendig geloof, vurig verlangen, en met de innigste gevoelens van liefde voor U. En wanneer- ik U in die gesteltenissen in mijn woning heb binnengeleid, verdubbel dan telkenmale in mij die gefoelens, welke Gij mij v(5or de H. Communie schenkt. Laat ik dan zeker niet gekweld worden door de ver-strooingen welke mij niet van de vruchten, maar toch van de zoetheden der H. Communie berooven. Doe mij mijn lauwheid overwinnen, om ze te verdrijven, daar anders mijn H. Communie ijdel zou zijn. En vooral laat ik nooit die verstrooiingen vrijwillig zoeken, wat mij niet alleen de uitwerkselen der H. Communie niet zou schenken, maar mij zelfs schuldig zou maken jegens U. Doe geen enkel van die kostbare oogenblikken voor mij verloren gaan. Laat mij smaken, hoe zoet Gij zijt, o Heer, hoe veel aangenamer deze vrucht des Levens voor mij is, dan die van het Paradijs voor Adam was! Dat dit Heraelsch Manna zich ook naar mijne smaak schikke, en, even als dat der Israëlieten in de woestijn, voor mij alle zoetigheid in zich bevatte. Dat ik zonder eenige afleiding mij met ü onderhoude, ü uit den grond van mijn hart dankzegge, mijne schatten aan Uwe voeten nederlegge, even als Zacheiis bij Uw komst onder zijn dak, al mijn behoeften U voorstelle, en er bevrediging voor vinde.

Doch mocht Gij, Goddelijke .Tesus, het in

ocr page 240

233

Uwe ahvijze en algoede Voorzienigheid mij niet hebben weggelegd, om telkenmale eren als Imelda, Uwe komst in al 'haar zoetheid te genieten, en nog toelaten, dat die verstrooide gedachten mijn geest blijven kwellen, o, dan onderwerp ik mij geheel en al aan Uwe inzichten, en neem reeds bij voorbaat deze beproeving aan, als straf voor zoovele lauwe Com. muniën. Geef alleen, dat ik er nimmer in toestemme, ze nimmer moedwillig zoeke of veronachtzame! En ligt de schuld geheel aan mij, lieve Jesus, waarom ik tot nog toe met zoo weinig godvruchtig gevoel aan Uw H. Tafel aanzit, geef mij dan de genade, ik bid het U door mijne Patrones Imelda, van deze oorzaak te kennen, van haar met vastberadenheid weg te nemen, en haar grondig uit te roeien.

En gij, H. Imelda, steun mij door Uwe machtige voorspraak bij Jesus, om U aldus na te volgen. Verwerf mij de genade, van steeds met meer godsvrucht aan dezen Enge-lendisch deel te nemen. Steun door Uwe machtige voorspraak het zwak gebed, dat ik tot Jesus heb gericht. Laat mij door iedere H. Communie verdienen inniger en innige; eens met Jesus en met U vereenigd te worden in den hemel. Amen.

ocr page 241

233

ANDEE GEBED OM DE GAVE VAN GODSVRUCHT.

Boel: der Navolging. III, Si.

Ach, wees nimmer van mij verwijderd, mijn God, spoed U mij te helpen! Zie allerlei gedachten komen in het gebed bij mij op, en dit beangstigt mijne ziel. Doc dan, o Heer, gelijk Gij gezegd hebt, en laat alle booze gedachten voor Uw aanschijn vlieden. Mijn eenige hoop, mijn eenige troost bestaat daarin, dat ik in eiken strijd, in eiken nood tot U mijn toevlucht mag nemen, op U betrouwen, U in mijn hart aanroepen, en Uw troost en geduld verbeiden.

Verlicht mij, goede Jesus, door de stralen van Uw inwendig Licht; verdrijf alle duisternis uit de woning van mijn hart. Bedwing de veelvuldige verstrooiingen mijner gedachten, en verijdel de verzoekingen, die mijn ziel zoo geweldig bestormen. Zend mij Uw Licht en Uw Waarheid, en laat het mijne aarde beschijnen. Immers ik ben niet anders dan een dorre, ledige, woeste aarde, tot dat Gij mij verlicht. Stort, o Heer, Uw genade over mij uit, en laat Uw hemelsehe dauw mijn hart doorzijgen. Doe de wateren der godsvrucht zoo rijk over mij afstroomen, dat de dorre grond van mijn hart door en door vochtig worde, om vele goede, heilzame vruchten voort te brengen.

ocr page 242

234

Vereenig mij met U door den onverbreekbaren band Uwer liefde; want bij die ü bemint, beeft aan U alleen genoeg, en buiten U, is voor hem al het overige van geener waarde, louter ijdelheid.

OFPEBANDE DER H. COMMUNIE.

Kan de H. Oertrudis.

O Cbristuf Jesus, ik vereenig mij met diealles-overtreffende liefde, waarmede Gij de Eengebo-ren Zoon, alle krachten, welke Uwe Godheid aan Uwe Menschheid mededeelde, vol erkentelijkheid tot Uwe Godheid weder terugbracht, en in die vereeniging offer ik U dit allerheiligste Sacrament op, met de liefde der geheele schepping. De alvermogende zoetheid Uwer onbeperkte liefde, heeft Uw Goddel\jk Hart ingegeven het in te stellen, en er mij, armen zondaar, aan deelachtig gemaakt. Maar ik bid U met al de genegenheid en heilige verlangens van alle schepselen, door de liefde van Uwen zoeten Geest, breng dit hoogwaardig Sacrament weder lot U lenig, en aanvaard het weder tot eeuwige, eindelooze en onveranderlijke glorie van de oneindige macht Uws eeuwigen Vaders, en van Uwe ondoorgrondelijke Wijsheid, en van de grenzelooze goedheid des H. Geestes. Ik offer U dit aanbiddelijk Liefdegeheim op tot volmaakte dankzegging van al

ocr page 243

235

het goede, dat het ooit heeft uitgewerkt en zal uitwerken in het hart en in de ziel van de Christenen, welke zoo gelukkig zijn het te ontvangen.

Gewaardig U het tevens aan te nemen tot ergoeding van de geringe voorbereiding, liefde en godsvrucht, en van alle nalatigheden, waaraan ik mij bij het ontvangen van dit allerheiligst Sacrament heb schuldig gemaakt. Ik offer 13 deze H. Communie eveneens op om U mijn dank te betuigen voor Uwe onbegrijpelijke liefde, die mij tot dit koninklijk Gastmaal noodigde, en mij met den overvloed der hemelsehe zoetigheden verzadigde. Mijne geringheid vermag in de verste verte niet ü daarvoor de verschuldigde dankbaarheid te hetoonen, maar daarom bied ik U mijne Liefde, Uw eigen allerbeminnelijkst en eenig beminnenswaardig Hart, zooals het overvloeit van goddelijke dankbaarheid en volmaakte zaligheid, waarin het zich zal verheugen in alle eeuwigheid. Amen.

ocr page 244

XL

Op de gewone /ondngeu door liet jaar.

ACTE VAN OOTMOED.

^an den Heiligen Thomas van Aquine.

i

Imaohtige en barmhartige God, zie mij tot het Sacrament van Uw eeniggebo-ren Zoon, onzen Heer, Jesus Christus, naderen. Tot den Geneesheer des levens kom ik als een zieke; tot de bron van barmhartigheid treed ik als een onreine; het licht der eeuwige klaarheid zoek ik als een blinde; tot den Heer van Hemel en aarde roep ik als een arme behoeftige. Ik smeek U om den overvloed Uwer eindelooze milddadigheid, door welke Gij mijn krankheden kunt genezen, mijn smetten kunt afwasschen, in mijn behoeften kunt voorzien en mijn naaktheid kunt bedekken, opdat ik U, Brood der Engelen, Koning der koningen. Heer der heerscharen, zoo eerbiedig

ocr page 245

337

en ootmoedig, zoo vol godsvrucht en berouw, zoo rein en geloovig, zoo oprecht en zuiver van meening ontvange, als dienstig is voor het heil mijner ziel. Geef, dat ik door het nuttigen van hei Lichaam en van het Bloed Onzes Heeren aan de kracht van Zijn Sacrament deelachtig worde. O, goedertieren God, laat mij dit H. Lichaam van Uw eeniggeboren Zoon, onzen Heer Jesus Christus, dat Hij uit de Onbevlekte Maagd Maria aannam, zoodanig ontvangen, dat ik in Zijn geheimzinnig Lichaam worde opgenomen en onder Zijn ledematen gerangschikt. Geef mij, beminnenswaardig Vader, dat ik Uwen geliefden Zoon, Jesus Christus, dien ik, als balling in dit leven, niet dan omsluierd weldra zal ontvangen, eenmaal voor eeuwig in Zijn heerlijkheid, niet meer verborgen, maar van aanschijn tot aanschijn aanschouwe. Hem, die met U leeft en heerscht in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

GEBED OM EEN WAARDIGE GESTELTENIS.

Van den U. Auyustinus.

O allerminnelijkste Jesus, ik smeek U door het vergieten van Uw goddelijk Bloed, geef mij bij het vieren van- liet Geheim onzer Verlossing, dit ondubbelzinnig blijk Uwer erbarming, een innig berouw en overvloedige tranen. Dat mijne ziel door de zoetheid Uwer

ocr page 246

238

tegenwoordigheid bevestigd worde; dat zij Uw bezoek gevoele en zich met haren hoogen Gast rerheuge. O Vuur, dat altijd verlicht; o Liefde, die altijd brandt; o zoete Jesus, o teedere Christus; eeuwig onvergankelijk Licht; Brood des levens, dat ons versterkt zonder te verzwakken, dagelijks genuttigd en nooit verminderd, schitter over mij, ontvlam mij, verlicht en heilig mijn ziel; neem de ongerechtigheid uit mijn hart, vervul het met Uwe genade en bewaar het in die volheid, opdat ik tot mijn welzijn dit voedsel van Uw allerheiligst Lichaam nuttig, en door U te nuttigen uit U en door U te leven, tot U kome en in U ruste. Amen.

ACTE VAN BEROUW.

Fan den U. Johannes üamasuenus.

O Heer en Koning, Jesus Christus, Gij alleen bezit de macht de zonden van den mensch te vergeven. Vergeef dus, mijn opperste goed, alles wat ik tegen U willends of onwillends misdreven heb. Verleen mij, in plaats van verwerping, deelgenoot te worden aan Uw ^ Goddelijk, verheerlijkt, zuiver en levendma- ^ kend Sacrament, niet tot vrees, noch tot straf u of vermeerdering van zonden; maar tot zui- ] vering, tot heiliging en tot onderpand van het toekomstige leven en heerschen; tot ver-

ocr page 247

239

sterking en steun, tot verdrijving mijner vijanden, tot uitdelging van de menigte mijner zonden. Gij zijt een God vau erbarming en liefde voor den mensch; daarom loven wij ü met den Vader en den H. Geest, nu en altijd, en in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

GEBED OM EEN GROOTE LIEFDE VOOB, JESÜS.

Van den H. Alphonsus.

ü Heer Jcsus, mijn liefde, mijn al, ik verlang en smacht er naar U waarlijk lief te hebben. Ik dank U voor dat verlangen, door U mij in het hart gelegd. Geef, dat ik het altoos moge koesteren en vermeerderen; geef, dat ik U behage en beminne, zooveel als Gij verlangt door mij in dit leven bemind te ■worden, opdat ik ü eenmaal in den hemel uit al mijn krachten liefhebbe.

Dit is het eenige, o mijn God, wat ik van U vraag. O ik wil U beminnen, ik wil U liefhebben ! Ik wil heilig worden, niet zoo zeer om gelukkig te zijn in' den hemel, maar om ü in alle eeuwigheid grootelijks te behagen en vurig te beminnen. Eeuwige Vader, verhoor mij om de liefde van Jesus Cliristus! Maria, myne Moeder, help mij om de liefde van Jesus Uwen Zoon; Gij zijt mijn hoop, alles verwacht ik van U.

ocr page 248

240

ACTE VAK VERLAKGES.

Van den Gelukzaligen Henricus S/iso.

O mijn Jesus, waarom bezit ik niet zooveel Jiefde, als alle schepselen te zamen! Ach, ware mijn hart zoo rein als dat der Engelen, mijn ziel versierd met alle schoone deugden, om IJ thans zoo vurig te ontvangen, dat leven noch dood ons voortaan konden scheiden! Indien Gij mij een Eggel als uw afgezant stuurdet, zou ik niet weten wat te doen, om hem behoorlijk te ontvangen. Wat zal ik dan moeten doen voor U, den Koning der eeuwige glorie, den Welbeminde mijner ziel, het eenig en opperst Goed, hetwelk alles bevat, wat mijn hart in den tijd en in de eeuwigheid kan begeeren; voor U, zoete Jesus, de grootste schoonheid voor het oog, de uitgezochtste zoetheid voor den smaak, voor bet hart de beminnenswaardigste persoonlijkheid. En toch weet ik niet, hoe mij met D te vereenigen. Uwe zoetheid ontvlamt en bekoort mijj maar Uw majesteit ontstelt mij en doet mij terugtreden. Mijn verstand wil, dat ik U angstig en ingetogen zal aanbidden; mijn hart wil U, als mijn eenigen Welbeminde, beminnen en omhelzen.

Gij alleen, mijn Jesus, zijt mijn Heer, mijn God, mijn Broeder, mijn Bruidegom! Aoh,

ocr page 249

341

kon ik al mijne ledematen, mijn vleesch en mijn gebeente in liefde veranderen, zoodat ik louter liefde werd, om U voor Uw eindelooze goedheid en onmetelijke liefde erkentelijk te kannen wezen. Neen, de aarde nocli wat van de aarde is, kan ik niet meer achten, nu Gij U wezenlijk en waarachtig aan mij geeft, nu ik U aan mijn hart kan drukken en U beminnen, nu ik al de inwendige zoetheid van Uw bijzijn kan smaken. Ik zou mijn geluk niet meer moeten kennen, indien ik uit de wond Uwer zijde een enkelen druppel bloeds had mogen opvangen en bewaren. Doch door dit Sacrament ontvang ik het overdierbaar Bloed, dat de Engelen des Hemels aanbidden, in mijn hart en in mijne ziel! O Geheim van Liefde, o Kelk vol onuitsprekelijke teeder-heid! Welk een geschenk is het, o Heer, Uw Liefde-zelf in zich te ontvangen, door Uw genade als in U te worden veranderd! Ik vraag niet meer dat Gij voor mij op aarde den sluier wegneemt, die ü aan mijn oog OTittrekt. Mijn Geloof, meer verlicht dan mijn zintuigen of verstand, is mij voldoende. Ik ben er zeker van U te bezitten, zoodat niets mij nog ontbreekt en ik niets beters kan verlangen. O mijn Jesus, kon ik U waardig loven, kon ik Uw groote wijsheid en Uw overrijke kennis verheerlijken. O onmetelijke afgrond van Liefde, allerzuiverste Spijze, on-

11

ocr page 250

242

uitsprekelijk Geheim! Indien Gij, Heer, reeds zoo groot, wonderbaar en onbegrijpelijk in Uw gaven, in de uitstorting Uwer genade en Uwer liefde zijt, wat zijt Gij dan wel in TJw wezen-zelf? O mijn ziel, bereid uiterst zorgvuldig uw woning voor de komst van zulk een verheven Koning, uw hart voor zulk een zoeten Gast, uw liefde voor zulk een Heiligen, beminnelijken Bruidegom. Ga Hem met alle mogelijke gevoelens van eerbied en liefde tegemoet.

NA DE HEILIGE COMMUNIE.

DANKGEBED TOT GOD DEN VADER.

Van den Heiligen Thomas van Aquine.

Ik dank U, heilige Heer, almachtige Vader, eeuwige God, dat Gij U gewaardigd hebt, mij. Uwen onwaardigen, zondigen dienaar, onverdiend, alleen uit barmhartigheid met het kostbaar Lichaam en Bloed van üw Zoon, onzen Heer Jesus Christus, te spijzigen. En thans smeek ik U, dat deze Heilige Communie eene waardige zij, en mij een heilzaam middel tot vergiffenis, een wapen des Geloots en een schild der goedwilligheid worde. Dat ik door het nuttigen van dit Allerheiligst

ocr page 251

243

Lichaam mijn misdaden uitroeie, mijn begeerlijkheid en zinnelijkheid onderdrukkej de liefde, het geduld, den ootmoed, de gehoorzaamheid en alle andere deugden Termeerdere. Laat deze H. Communie mij strekken tot eene krachtige verdediging tegen de aanslagen van al mijne zichtbare en onzichtbare vijanden; alle bewegingen van mijn vleesch en van mijn geest volkomen tot rust brengen; mij onafscheidbaar aan U, mijn eenigen waren God, hechten, en aldus eenmaal mijn aardsche loopbaan zalig eindigen. Tevens smeek ik U, dat Gij ü wilt gewaardigen mij, zondaar, eenmaal te d jen zitten aan het onschatbaar Gastmaal, waar Gij met Uw Zoon en met den Heiligen Geest voor Uw Heiligen het ware licht, de volle verzadiging, de eeuwige vreugd, de volmaakte zaligheid en het hemelscb geluk uitmaakt, door Jesus Christus, onzen Heer. Amen.

VERZUCHTINGEN.

den Heiligen Thomas van Aquine.

Allerheiligste Ziel van Christus, heilig mij. Allerheiligst Lichaam van Christus, maak mij zalig. Allerkostbaarst Bloed van Christus, maak mij dronken. Allerzuiverst Water uit de zijde van Christus, wasch mij. Allerkrachtigste Zweet van het aanschijn van Christus,

ocr page 252

244

reinig mij. Allersmartelijkst Lijden van Christus, versterk mij. O goede Jesus, verhoor mij. Verberg mij in Üw wonden. Laat niet toe, dat ik van U gescheiden worde. Bescherm mij tegen den boozen vijand. Roep mij in de uur des doods. Gebied mij tot XJ te komen en stel mij aan Uw zijde, om U met Lwe Aartsengelen en Engelen in alle eeuwen der eeuwen te loven.

GEBED TOT DE HEILIGE MAAGD.

yan het Romeinsch missaal,

O allerheiligste en allerzoetste Maagd Maria, Moeder van onzen Heer, Jesus Christus, Koningin van Hemel en aarde, die waardig zijt geweest, den Schepper van alle Schepselen, wiens allerheiligst Lichaam en Bloed ik heb ontvangen, in TJw allerzuiversten schoot te dragen, gewaardig U, de voorspraak te zijn bij Hem voor mij, armen en ellendigen zondaar, opdat Hij me door Uw heilige voorbede alles kwijtschelde, wat ik door onwetendheid of achteloosheid bij het ontvangen van het Heilig Sacrament heb misdaan. Amen.

O, Maria, Moeder van barmhartigheid, bid voor mij. Neem mij aan als Uw dienaar; bescherm mij tegen alle kwaad en sta mij bij in het uur van sterven, om U met alle uitverkorenen in de eeuwen dor eeuwen te verheerlijken. Amen.

ocr page 253

345

VERZOEK.

AV/k den Heiligen Thomas van Aquine.

Barmhartige God, geef mij alles wat U be^ haagt, vurig te verlangen, voorzichtig te onderzoeken, in waarheid te erkennen en volmaakt te vervullen tot eer en glorie van üw naam. Regel mijn staat en doe mij weten, wat Gij van mij verlangt. Laat mij het naar behooren en ter eere mijner ziel uitvoeren. Maak, o Heer, mijn weg tot ü reclit en veilig, om noch in voor- noch in tegenspoed af te kunnen wijken, en niets mij verheuge of bedroeve dan datgene, wat mij tot U brengt of mij van U verwijdert. Geef mij U alleen te willen behagen, en enkel te vreezen U te mishagen.

Laat bet vergankelijke, o Heer, geen waarde meer voor mij hebben. Laat al het Uwe mij alleen om U dierbaar boven alles wezen, gelijk Gij, mijn God, mij dierbaar boven, alles zijt. Laat alle vreugd zonder ü mij walgen; laat mij niets buiten U verlangen. Laat mij elke arbeid voor ü aangenaam wezen; alle rust buiten U mij verdrieten. Geef, dat ik mijn hart dikwijls tot U verhef, mijne fouten door ware droefheid uitwisch, omdat ik vast heb voorgenomen mij te beteren. Maak mij, o Heer, mijn God, gehoorzaam

ocr page 254

r

246

fii

zonder tegenspraak, onthecht zonder moedeloosheid, kuisch zonder smet of vlek, geduldig zonder morren, ootmoedig zonder geveinsdheid, vroolijk zonder uitgelatenheid, droevig zonder neerslachtigheid, ernstig zonder gestrengheid, waardig zonder lichtzinnigheid, godvruchtig zonder wanhoop, waarheids-lievend zonder dubbelzinnigheid, ijverig in het goede zonder trots. Maak mij niet verwaten, als ik mijn naasten berisp, en maak mij niet geveinsd, als ik ze door mijn woorden en mijn voorbeelden wil stichten

Schenk mij, o Heer, mijn God, een waakzaam hart, door geen nieuwsgierigheid van U af te trekken; — een edel hart, door geen onwaardige gehechtheid aan het aardsche gekluisterd; — een oprecht hart, door geen verkeerde meeningen mede te slepen; — een standvastig hart, door geen tegenspoed neer te slaan; — een vrij hart, door geen geweldigen hartstocht ooit overheerseht.

Schenk mij, o Heer, mijn God, verstand, om U te leeren kennen, — naarstigheid, om U te zoeken, — wijsheid, om U te vinden, — volharding, om U met vertrouwen te wachten, — hoop, om U ten einde toe te bezitten, en eindelijk een levenswijze die U behaagt. Geef mij. Uwe kastijdingen op aarde boetvaardig aan te nemen. Uw weldaden, tijdens mijn sterfelijk leven, in genade, maar vooral Uw

lil

L

ocr page 255

247

vreugd in het andere in glorie te genieten, O ij, die leeft en heerscht in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

ACTE VAN LIEFDE.

Fan den H. Franciscus van Assist.

Ik smeek U, Heer Jesus Christus, dat de Vurige en zoete kracht üwer Liefde mijn geest van al het aardsche aftrekke, om uit liefde tot Uwe Liefde aan de wereld te sterven, daar Gij ü uit liefde tot mijne liefde hebt gewaardigd aan het Kruishout te sterven, die leeft en heerscht in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

TOEWIJDING VAN ZICH ZELF.

Fan den H. Ignatius.

Ontvang, o Heer, geheel mijn vrijheid, geheel mijn geheugen, geheel mijn verstand, geheel mijn wil. Alles, wat ik bezit, heb ik van U ontvangen. Ik geef het U geheel terug, en stel het volkomen ter beschikking van Uwen heiligen wil. Zoo Gij mij Uw liefde en üw genade schenkt, ben ik rijk genoeg, en kan niets anders meer verlangen. Amen.

GEBED TOT DE H. MAAGD MAUIA.

Fan den H. Augustinus.

O Maria, door üw toedoen heb ik wederom Uwen Goddelijken Zoon in mijn hart. Wie zal

ocr page 256

248

U toch waardig kunnen dank zeggen en loven voor alles wat Gij voor ons doet? Welke lofzangen zal bet zwakke geslacht van de kinderen der menschen ü brengen, door wie alleen ons alle verkwikking toekomt. Ontvang deze mijne dankzegging, hoe klem en hoe gering zij ook moge zijn in vergelijking met üwe weldaden. Ontvang onze begeerten en beloften, maar verontschuldig onze fouten door Uwe gebeden. Laat onze gebeden den toegang vinden tot de schatkamer Uwer barmhartigheid, en verwerf ons de genade der verzoening. Verontschuldig bij God door Uwe gebeden dat wij Hem durven vragen. Laat ons verwerven, wat wij in een goeden geest be-geeren. Ontvang onze gebeden, verschoon ons, dat wij vreezen. Want Gij zijt de eenige hoop der zondaren, door U hopen wij vergiffenis onzer misdaden, en de allerzaligste verwachting onzer belooningen. Heilige Maria, kom de ellendigen te hulp, sta de kleinmoedigen bij, vertroost de weenenden, bid voor het volk, wees de voorspraak der priesters, laat allen, die Uwe gedachtenis vieren, Uwe hulp ondervinden. Verhoor welwillend hen, die tot U bidden, en verwerf hun allen de gewenschte uitkomst. Bid altoos voor het volk van God, Gij, die waardig zijt geweest aan ons te schenken den Verlosser der wereld, die leeft en heerscht in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

ocr page 257

XII.

Op de gewone dagen der week.

VEKHKFFING DES HARTEN TOT GOD. Van den Oehikz. Henr. Suso.

oneindig schoone, eeuwig schitterende Wijsheid, mijn ziel heeft den geheelen nacht naar U verlangd en nu bij het begin van den dag ontwaakt mijn geest en hart tot ü. Geef, smeek ik U, dat Uwe aanbiddelijke tegenwoordigheid mij voor alle kwaad naar ziel en lichaam behoede, mijn hart gelieel van Uwe genade doorstroomen, en mijn koelheid in vurige liefde ontsteken. O allerzoetste Jesus Christus, wend nu Uw lieflijk aangezicht tot mij, want op dezen ochtend wendt zich ook mijn ziel met al haar krachten tot U. Ik groet U vol verlangen uit het diepste mijns harten. O mochten de duizend duizenden engelen, die tot Uw dienst staan, U van mij groeten! Mochten de tienduizend honderdduizenden hemelsche geesten, die in Uw

11*

ocr page 258

250

hemel wonen, U naar verdiensten voor mij prijzen. Mocht zich daarbij voegen alles wat Uw schepping versierd, Ü voor mij lofzin-gen, en Uwen Heiligen Naam, onze troost en onze bescherming, dankbaar zegenen nu en in alle eeuwigheid. Amen.

ACTE VAN BEBOUW.

Van den H. Basilius.

O mijn Heer en mijn God, ik ben diep overtuigd, dat ik onwaardig ben, deelgenoot te worden van Uw onbevlekt Lichaam en kostbaar Bloed. Ik ben een schuldige, en als een die zijn eigen veroordeeling eet en drinkt door Uw Vleesch en Bloed, niet te onderscheiden. Maar ik steun op Uwe erbarmingen, en kom tot U, die gezegd hebt; «Die Mijn Vleesch eet, en Mijn Bloed drinkt blijft in Mij, en Ik in hem.w Heb dus medelijden met mij, o Heer, en laat mij, ellendig zondaar, niet aan mijn vijanden over. Laat deze Heilige Geheimen mij strekken tot genezing, tot zuivering, tot verlichting, tot tegengif, tot heil en heiliging van mijn lichaam en ziel, tot afschuw voor alle voorstellingen en booze handelingen des duivels in mijne zinnen. Laat deze H. Communie mijn vertrouwen en liefde in U opwekken, mijn leven beteren, mijn roeping bevestigen, alle deugden in mij ver-

ocr page 259

351

meerderen, het onvolmaakte in mij wegnemen, üwe geboden trouw doen vervullen, mij vereenigen met Uwen H. Geest, mij sterken op •den toclit naar het eeuwige vaderland, en mij schitterend verdedigen voor den troon van Uwen ontzachelijken Rechterstoel. Amen.

GEBED OM EEN WAARDIGE GESTELTHEID.

Naar Henr. Suso en andere geestelijke schrijvers der middeleeuwen.

Almachtige God, Schepper van hemel en quot;•■aarde, in üw eeuwig Woord is een afgrond van geheimenis verborgen. In Uw Woord is alles gemaakt wat Uw liefde besloten had; door Uw Woord bestaat wat wij kennen van üwe onmetelijke goedheid; in Uw Woord wordt volbracht wat strekt tot heiliging der schepselen; door Uw Woord wordt tot U gebracht al wat Gij met U vereenigen wilt in de eeuwige gelukzaligheid.

O eeuwige Wijsheid, Jesus Christus, eeuwig Woord des Vaders, naar wiens beeld alles gemaakt is, bron van alle goed, kom heden in de woning van mijn hart, en herstel in mijn ziel de gelijkenis met het beeld, waarnaar ik geschapen ben. Door de zonde heb ik die gelijkenis geschonden; ik gelijk thans niet meer op U. Herstel in mij, o Heer, de geheele onderwerping van mijn wil aan

ocr page 260

252

den Uwe, want Uw wil is de eerste regel der gerechtigheid, daarom moet mijn wil naar Uwen wil gericht worden. Aldus zal ik eengt; waar evenbeeld worden van het Eeuwige Woord.

Herstel in mij. Heer, de voortdurende, levendige gedachte aan Uwe heilige tegenwoordigheid, opdat het oog mijner ziel altoos tot U op moge zien, even als Gij met Uwe genade altoos op mij nederziet. Al ben ik in zonde, daarom verlaat Uwe genade mij toch niet, maar straft mij. Verricht ik iets, dat met Uw Goddelijken wil overeenkomt, dan werkt Uwe genade dit in mi] uit. Ach, minnelijke Heer, geef, dat ik steeds met kinderlijke gehechtheid aan U denke, want Uw vaderlijke liefde houdt zich ook voortdurend met mij bezig!

Herstel wederom in mij, o mijn Heer, de onschuld mijns harten. Geef dat ik mijn hart reinige met tranen van liefde. Doe mij beweenen het goede, dat ik in mijne ondankbaarheid verzuimd heb te doen; doe mij de schulden mijner traagheid in hart en zinnen uitboeten. Door reinheid des harten. Heer, zal ik het licht der Eeuwige Zon tot mij trekken en ontvangen.

Herstel, in mij, o Heer, de ware vrijheid. quot;Verbreek de kluisters en ontsla mij van de banden, waarmede Adam's zonde mij geboeid

ocr page 261

253

houdt. Door die banden is mijn kracht beperkt en geneigd tot zonde, zoodat ik het kwade wil doen wat ik verfoei, en het goede niet betracht, wat ik verlang. Geef, vrede en rust aan mijn geest, opdat ik in alles Uwe geboden onderhoude, en Uwen heiligen Wil vervulle. Ach, door de blijde vrijheid, zal ik vredig rusten en sluimeren, niet verwrikt door den raad der boozen, noch door eenige wederwaardigheden van dit leven.

Herstel, o Heer, in mijn geest de gerechtigheid, keer mijn hart af, van datgene waarvoor ik niet geschapen ben, en keer al mijn begeerten tot Hem, voor wien ik welgeschapen ben. Ach, mijn ziel, hemel en aarde en al wat de hemel overdekt, is om uwentwille geschapen. Verbreek daarom de goede orde niet, en maak den Heer niet dienstbaar aan den knecht. Gij moet alleen den Schepper van hemel en aarde dienen, want Hij heeft u om zijnentwille geschapen, om Hem te loven, u naar zijn beeld gevormd, u met Hem in liefde vereenigd.

Herstel, welbeminde mijner ziel, mijn verlangens, richt hen alleen op U. wijl ik alleen voor U geschapen ben, en al het andere slechts middel is om tot U te komen. Laat mij op de wegen en velden van Sion naar U zoeken. Laat mij U vinden in de heerlijkheid der engelen, schrijf mi] onder het tee-

ocr page 262

254

ken des zegels van het geslachte Lam; voer c mij tot Uw troon, schrijf Uw Naam op mij, { en spijs mij met engelen-brood.

Herstel in mij, o Heer, de aandacht op mijn geweten. Geef dat ik naarstig in mij zelf moge keeren.

* Werp hier een blik in uw geweten. Sla nauwkeurig aeht op uwe werken, op uwe gedachten, op uwe begeerten, op uw afkeer, op uwe inzichten. Let er op wat de vermaningen in u uitwerken, of de goede wil in u kwijnt, en wat u ontbreekt. En klaag u vervolgens nederig aan bij uwen Heer over al de gebreken, die gij zoo overvloedig hebt.

Ach, verstandige Geneesheer en zoete trooster van mijn klagen, hoor toch, hoe mijn arme ziel tot U roept. Mij -wederom te binnen brengende wat mijn ziel nu ontbreekt, heb ik gedacht: «Gij zijt rechtvaardig, o Heer, en elkeen Uwer oordeelen is billijk.// Daarom zucht ik onder Uwen toorn. Ach, zoete trooster, antwoord op mijn klagen met de woorden; «Daarom heeft de Vader zijn Woord in de wereld gezonden, opdat het.u van alle uwe ■wonden zou genezen.quot;

Herstel, o Heer, het licht, dat mijn verstand wel doet begrijpen, hoe zuiver en hoe vurig de liefde billijkerwijze moet zijn van hen, die met Uw waarachtig Vleesch gespijzigd en met Uw Bloed gedrenkt worden. Als ik reeds verplicht ben, o mijn welbeminde.

ocr page 263

U te beminnen, wijl Gij mij mijn eigen wezen sclionk, toen ik nog niet bestond, en wijl Gij mij dat wezen teruggaaft toen ik liet verloren had, met hoeveel te meer recht moet ik U dan beminnen, wijl Gij Uw wezen aan mij schenkt? Zooveel meer als Uw Wezen boven het mijne verheven is, zooveel moet mijn liefde voor U grooter zijn dan voor mij zelf. O Heer, ik ben U alle liefde schuldig, welke mijn hart maar gevoelen kan, dat ik het wezen ontving. Hoe zal ik dan minder liefde kunnen gevoelen, nu Gij mij Uw eigen wezen schenkt!

Ach, rijke schat en lusthof van alle zaligheid, daarom geeft Gij U zelf aan mij tot spijs, opdat ik U den Vader aan kan bieden voor de liefde, welke ik niet heb, en toch hebben moet. Daarom, Eeuwige Wijsheid des Vaders, ontvang ik, arm, onwaardig schepsel U heden om tot richtsnoer te strekken van mijn goeden wil, tot levendige opwekking mijner lauwheid, tot zuivere voorlichting mijns harten, tot verlossing uit alle boeien der zonden, tot doel en einde van al mijn verlangens, tot troost van mijn gekwetst gemoed en tot voldoening van al mijne schulden. Amen.

GEBED TOT DE ALLERHEILIGSTE MAAGD.

O onbevlekte, en eeuwig gezegende, boven

ocr page 264

356

allen uitmuntende en onvergetelijke Maagd, Moeder van God, aangename woontent van den Heer, gewijde tempel van den Heiligen Geest, deur des hemels, door U leeft, na God, de geheele aarde. Leen, o moeder van barmhartigheid, mijn leven, mijn zoetheid, mijn hoop, goedgunstig het oor naar mijne onwaardige smeekingen, en wees mijn bijstand in de ellende mijner zonde. Geef mij vooral in dit uur, quot;nu ik Uwen Goddelijken zoon ga ontvangen, de vereischte verlichting en de noodige kracht om Hem waardig en welgevallig de woning van mijn arm hart aan te bieden. Geef mij, mijne Moeder, iets van het liefdevuur dat U telkens verteerde, wanneer gij hem op aarde in Uw hart ontving.

GEBED TOT DE PATRONES DER VURIGE COMMUNIE.

O heilige Bruid van onzen Zaligmaker, Jesus Christus, die door uw verdiensten zooveel bij Hem vermag, H. Imelda, ik heb u tot mijne Patrones gekozen om mijne voorspraak te zijn bij mijne H. Communiën. Ik bid u bij de liefde, waarmede Gij voor de eerste maal tot de H. Tafel genaderd zijt, schenk ook mij een vurige, vurige liefde tot Jesus, opdat Hij mijn hart niet al te onwaardig vinde, maar er zich in behage eenige oogenblikken

ocr page 265

257

daar tot het mededeelen zijner genadegaven te vertoeven.

Heilige Imelda, bid voor mij.

Opdat ik deze H. Communie waardig moge verrichten. Amen.

LAATSTE VEKZUCHTINGEN.

Van de H. Catharina van Sen en.

Heilige Geest, kom in mijn hart. Laatüw almacht, o mijn God, mijn hart tot zich trekken! Verleen mij de vrees met de liefde. Jesus Christus, bevrijd mij van elke zondige gedachte. Ontvlam mij, verwarm mij door Uw allerzoetste Liefde, opdat iedere smart en ieder kruis mij licht toeschijne. Uw bijstand roep ik in; om Uw hulp smeek ik in mijn nood. O Liefde van Jesus Christus! o Liefde van Jesus Christus! Amen.

NA DE H. COMMUNIE.

Naar den gelukz. Henr. Smo en andere geestelijke schrijvers der middeleeuwen.

De Ziel. Mijn Heer en mijn God, mijn Jesus, mijn Al, thans bezit ik U in mijn hart. O spreek nu, o Heer, uw dienaar luistert. Ik ben tot alles bereid, wat Gij mij vragen zult.

ocr page 266

358

Jesus. Welnu dan, mijn kind, kniel neder en overweeg in het binnenste van uwe ziel wat ik voor u geleden heb. Neem en eet dit brood tot gedachtenis van mijn lijden; dat wil zeggen: Mijn lijden moet in uw hart geprent zijn, en daar vermeerderd worden. Gedenk dus innig de vurige liefde, die Mijn zachtmoedig Hart gedrongen heeft mijn leven voor u en alle menschen te geven. Neen, ik heb u niet vrijgekocht met zilver of goud, maar met mijn kostbaar Bloed, het Bloed van Gods Eeuwigen Zoon.

De Ziel. O Heer, druk dan Uw bitter lijden in mijn hart, om mij door de kracht van dit hoogwaardig Sacrament alle vruchten daarvan mede te deelen en de genade dezer goddelijke Spijze voor mij vruchtbaar te maken.

O Eeuwige God, Hemelsche Vader, wie ben ik toch, dat Gij mij Uwen eeniggeliefden Zoon tot voedsel hebt geschonken! O zoete Jesus, wat is Uw liefde toch eindeloos, dat Gij ü gewaardigt onder mijn nederig dak te komen! O Heer, hoe zal ik U danken! O zoete Spijs rler Engelen, waar Hemelbrood voor ons, arme zwervers door deze barre woestijn des levens! O eeuwig lichtende en vlammende zon! O verheven ceder, hoe hebt gij u willen neigen tot het nietige plantje! O onbegrijpelijk wonder van liefde! Niet

ocr page 267

259

slechts een enkel dropje uit zijn Hart of uit de andere dierbare wonden heb ik mogen smaken, maar al zijn kostbaar lieflijk gekleurd en van liefde gloeiend bloed is mij in het hart tot in de ziel gestroomd. Het heeft zich Tereenigd met het mijne; bet doet mij het hnrt kloppen ! Ach, was het nu eindelijk toch eens uit liefde voor Hem!

Ja groote dingen zijn aan mij geschied. Wat aan Engelen niet gegeven wordt, is aan mij meegedeeld! O mijn God en Heer, ik wenschte dat al mijn leden, al wat ik ben, en al wat ik vermag uit dankbaarheid voor zooveel liefdeblijken zich in liefde tot ü keerden! Want wat kan mij in deze wereld nog verblijden, wat kan ik er nog begeeren, nadat Gij U aan mij zoo liefdevol te genieten en te beminnen gegeven hebt? Inderdaad, met recht heet dit Sacrament het Sacrament der liefde. Want wie heeft ooit iets beminnelijkers gezien of gehoord dan de Liefde zelve te ontvangen en met de Liefde een te worden!

Beminnenswaardige Bruidegom mijner ziel, ik bemerk thans geen ander onderscheid tus-sehen den heiligen grijsaard Simeon en mij zelf, dan dat hij U zichtbaar, ik U onzichtbaar 07it-vangen heb. Maar evenmin als ik thans Uwe waarachtige Menschheid met de oogen mijns lichaams aanschouwen mag, aanschouwde hij Dwe Godheid. Hij zag die evenals ik nu, met

ocr page 268

260

deoogen des geloot's. Maar wat laat ik er mij ook aan gelegen liggen, of ik ü niet met de oogen mijns lichaams aanschouwen mag. Hij wiens ziel niet blind voor U is, behoeft geen zinne-lijken blik meer, want hij ziet klaarder en beter. Heer, wanneer ik nu door mijn geloof weet, dat dat ik U bezit, wat wil ik dan nog meer? Ik heb nu alles, wat ik verlang. Het geeft mij duizendmaal meer verdiensten,nu mijn oog TJ niet wezenlijk ziet, hoe zou ik dan nog verlangen dit op aarde te mogen doen ? Vermeerder slechts, o God, vermeerder de helderheid van mijn ziel, die U in haar geloof aanschouwt.

O Heer, stort U dan over mij en in mij uit met al den rijkdom Uwer genadegaven; reinig mij, wasch mij met het Goddelijk Bloed Uwer dierbare Wonden van al mijn schulden, en laaf mij, mijn God, met het Water, waarvan Gij, o Eeuwige Wijsheid en Waarheid gesproken hebt, dat zij die er van drinken, in eeuwigheid niet meer zullen dorsten. Laat mij in U vinden de genade en de liefde Uwer onmetelijke, onuitputtelijke barmhartigheid, üw heilig Lichaam en Goddelijk Bloed beware mijn ziel ten leven, opdat ik U in alle eeuwigheid zichtbaar genieten moge.

En ten slotte, dierbare Jesus, vraag ik Uwe heilige Moeder, de Koningin van den H. Rozenkrans, den H. Josef, de Gelukzalige Imelda, alle Engelen, het geheele hemelsche Hof eu

ocr page 269

261

alle schepselen, dat zij zich met mij vereenigen om ü lof en eer te brengen. Ik bid Uwe grondelooze liefde, wijl ik IJ niet genoeg bedanken kan voor de weldaad aan mij geschied, dat Gij ü zelf daarvoor dank zegt. Neem daarvoor het Offer dat Gij zelf zijt. O goede Heer, al wat ik U aan dankbaarheid schuldig ben, besluit ik iti Uwe hoogwaardige Spijze, en breng ü daarvan een dankoffer, opdat alles vergoed zij, wat ik aan Uw Goddelijk Hart verschuldigd ben. Amen.

GEBED OM EEN VURIGE LIEFDE.

Van den H. Bonaventura.

Doordring, allerzoetste Heer Jesus, het binnenste mijner ziel met het vuur uwer teederste en heilzaamste toegenegenheid en met een ware, oprechte en krachtdadig heilige liefde tot U, opdat mijne ziel louter uit verlangen naar U als verteere. Dat zij van bovennatuurlijke begeerten ontvlamd, in uwe voorhoven kwijne van verlangen om ontbonden te worden en met U te zijn. Geef, dat mijne ziel alleen naar U hongere, die het brood der Engelen, de verkwikking der heilige zielen, ons dagelijksch bovennatuurlijk brood zijt, waarin alle zoetheid van geuf en smaak en alle lieflijkheid is vervat. Dat mijn hart steeds naar U hake en U geniete, wien

ocr page 270

de Engelen met zooveel zalige Wellusten aanschouwen. Dat mijn binnenste door uv.' zoeten geur vervuld worde. Dat mijne ziel steeds dorste naar ü, de bron des levens, de bron van wijsheid en wetenschap, de bron van het eenwig licht, den stroom van het he-melsch genot, den overvloed van het huis Gods. Dat zij naar U steeds verlange, U zoeke, ü vinde, naar U streve, tot U kome, aan U denke, van U spreke en alles verrichte tot lof en glorie van Uwen Heiligen Naam, ootmoedig en bescheiden, minnend en behagelijk, opgeruimd en vol ijver, volhardend tot het einde toe. Wees Gij, en Gij alleen, altijd mijn hoop, mijn heil en mijn vertrouwen, mijn rijkdom, mijn genot, mijn vermaak, mijn vreugde, mijn verzachting en mijn rust, mijn vrede, mijn zoetheid en mijn welbehagen, mijn spijs, mijn verkwikking, mijn toevlucht en mijn hulp, mijn wijsheid, mijn erfdeel, mijn bezitting en mijn schat, waarin mijn hart en mijne ziel immer vast en onverwrikt geworteld en bevestigd blijven. Amen.

OPDRACHT AAN MARIA.

O allerheiligste Maagd, Moeder Gods en ook mijne Moeder, Maria, Koningin van hemel en van aarde, zie hier voor uw troon een ondankbare neergeknield, dien gij hebt

ocr page 271

■m

liefgehad, ofschoon hij uw lieven Zoon menigmaal door zware zonden beleedigd heeft. Doch Gij hebt voor mij gebeden; gij hebt mij niet in staat van zonden laten sterven, maar bij uw Goddelijken Zoon genade, barmhartigheid en vergiffenis voor mij verworven. Ach, mijne moeder! sla dan uwe medelijdende oogen nogmaals op uw arm en zwak kind. Ik kan ü niets geven dat U waardig is, maar al wat ik geven kan, dat schenk ik U: geheel mij zelf, met al mijne vermogens en krachten, met al mijne neigingen en verlangens. Ik otfer U mijn lichaam, door de H. Communie geheiligd, om U trouw te dienen. Ik offer U mijne oogen, opdat zij niets zoo vurig verlangen dan ü en uw goddelijken Zoon te aanschouwen. Ik offer U mijn gehoor, opdat het altoos naar Jesus inspraken luistere. Ik offer ü mijn tong, opdat zij üw heiligen naam en dien van üwen lieven Zoon steeds met liefde uitspreke. Ik offer U mijne handen, opdat zij voortaan slechts werken van deugd en liefde verrichten. Ik offer U mijne voeten, opdat zij na dit uur niet anders dan den weg der deugd bewandelen. Ik offer U mijne ziel, mijne wenschen en verlangens, geheel mijzelf tot uwen heiligen dienst; ik beloof U eeuwig liefde en trouw... En om deze mijne plechtige belofte te vervullen, geef ik U mijn hart en smeek U het in het Hart van Jesus te ver-

ocr page 272

264

bergen en mij uwen zegen te schenken. Ik stel mij gekeel onder awe moederlijke bescherming. Onder uwe hoede wil ik leven en sterven, en stervende wil ik nog uw zoeten naam, met dien van uw goddelijken Zoon en van uw heiligen Bruidegom in kinderlijke liefde aanroepen:

Jesus, Maria, Joseph, ik geef u mijn hart en mijne ziel.

Jesus, Maria, Joseph, sta mij bij in mijn doodstrijd.

Jesus, Maria, Joseph, laat mij in Uw heilig gezelschap vreedzaam sterven.

ocr page 273

XIII.

Voor lien, die met meer outzag: en heilige vrees de U. Communie moeten ontvangen.

ACTE VAN OOTMOED. Van den Heiligen Anselmus.

EL

itgenoodigd tot de tafel van Uw aange-naam gastmaal, goedertierene Heer Jesus Christus, sidder en beef ik, zondaar, die op geene verdiensten mag bogen, doch alleen op Uwe barmhartigheid vertrouwt. Want ik heb mijn hart en mijn lichaam door veel boosheden bezoedeld en mijn ziel en mijn tong niet voorzichtig behoed. Daarom, o goedertierene Godheid en ontzaglijke Majesteit, neem ik, ongelukkige, tot de uiterste verlegenheid gebracht, mijn toevlucht tot U, de bron van ontferming. Tot U spoed ik mij om hulp. Onder Uw bescherming neem ik miln toevlucht en vurig wensch ik U, dien ik als

13

ocr page 274

266

Hechter niet durf afwachten, als Zaligmaker te bezitten. Voor Uw aanschijn. Heer, leg ik mijn zwakheden bloot en betuig ik mijn vreeze. Mijn zonden, welke mij beangstigen, zijn groot en menigvuldig; maar ik hoop op Uw maatlooze barmhartigheid. Heer Jesus Christus, eeuwige Koning, God en Mensch, voor ons menschen gekruisigd, sla op mij een meelijdenden blik. Verhoor mij, omdat ik al mijn hoop op U stel. Ontferm U mijner met zondsn en zwakheden overladen. Zult Gij de bron Uwer barmhartigheid ook voor mij niet laten vloeien?

Wees gegroet, Heiligmakend Offer, voor mij en voor het geheel menschelijk geslacht op het vloekhout van het Kruis opgedragen. Wees gegroet, edel en kostbaar Bloed, dat de zonden der geheele wereld reinigt, gevloeid uit de wonden van mijn gekruisten Heer, Jesus Christus. Heer, gedenk Uw schepsel, door Uw Bloed vrijgekocht. Ik heb berouw over mijne zonden en al wat ik misdeed zal ik herstellen. Neem daarom, o, goedertieren Vader, a! mijn zonden en al mijn ongerechtigheden weg, en laat mij, naar ziel en lichaam gezuiverd, het Heilige der Heiligen waardig ontvangen. Geef, dat mij de nuttiging van Uw Lichaam en Uw Bloed strekkc tot vergiffenis mijner zonden, tot uit-wissching mijner misdaden, tot verdrijving van

ocr page 275

267

alle slechte gedachten, tot vernieuwing van alle goede voornemens en tot heilzame bewerking van al wat IJ behaagt, opdat deze H. Communie mij een sterke bescherming zij tegen de hinderlagen mijner lichamelijke en geestelijke vijanden. Amen.

ACTE VAN BEROUW.

yin den H. Alphonsux.

Ja, mijn beminnelijke Verlosser, van droefheid zou ik willen sterven, wanneer ik mij herinner zoo dikwijls uw Hart te hebben be-leedigd, dat mij zoozeer heeft bemind.

Vergeet alles, bid ik U wat ik U heb aangedaan. Sla een blik op mij, gelijk Gij op Petrus, na zijn verloochening, een oogslag van barmhartigheid hebt geworpen, waardoor hij het overige zijns levens zijne zonde gedurig beweende, opdat ook ik zonder ophouden mijne zonden beweene. Hemelsche Vader, ter liefde van Jesus Christus, schenk mij vergeving; hoor de gebeden die Hij U opdraagt, als mijn Voorspreker bij U. Doch vergeving is mij niet genoeg, o God, die waardig zijt oneindig bemind te worden! ik vraag U nog de genade U te beminnen. Ja, ik bemin U, mijn opperste Goed, en voor altijd oiïer ik ü mijn lichaam, mijne ;'iel, mijn wil, mijne vrijheid. Voortaan wil ik zelfs de kleinste fouten vermijden, alle gevaarlijke gelegenheden

ocr page 276

268

vluchten. Bevrijd mij, o mijn God, van de gevaren, waarin ik U zou kunnen beleedigen. Verlos mij van de zonde, en daarna kastijd mij naar Uw goeddunken. Ik aanvaard al de krankheden, al de pijnen, al de tegenheden, die Gij mij zult zenden. Ik vraag nieUmders dan voortaan nimmer, nimmer meer Uwe genade en liefde te verliezen.

OVERWEGING VAN GODS HEILIGHEID.

Van den Eerb. Ludov. Grenatensis.

Ach Heer, wie ben ik en wie zijt Gij, dat ik U durf te naderen? Wat is een mensch, dat hij God, zijn Maker en Schepper, ontvangen mag? Wat is de mensch van nature anders dan een vat vol bederf, een kind des duivels, een erfgenaam der hel, een zondaar, een verachter van God, een schepsel, onvermogend voor alle goed, allerbekwaamst en aanstonds gereed tot alle kwaad?

En wie zijt Gij ? Gij zijt de oneindig groote, de nameloos goede, de mateloos zoete, de eeuwige zonder tijd. Gij zijt almachtig in vermogen, onmetelijk in wijsheid, bewonderenswaardig in plannen, verschrikkelijk in oor-deelen, volmaakt en zonder beperking in alle deugd.

Al wie tot dezen maaltijd nadert zonder bruiloftskleed, namentlijk zonder liefde, wordt

ocr page 277

269

aan handen en voeten gebonden in de uiterste duisternis geworpen. Wat heb ik dan te verwachten, die mij zonder dit kleed bij dit gastmaal indring tusschen de genoodigden? O goddelijke blik, zoo sterk en zoo doordringend tot den meest verborgen plooi en schuilhoeken van mijn hart, wat zal er mij overkomen, als ik arm en naakt voor U verschijn':'

De Ark, die maar een voorstelling was van Uw Geheimnis, mocht niet worden aangeraakt, en Oza, die tot haar, toen zij dreigde te vallen, de hand uitstrekte, werd door een plotselin-gen dood getroffen. Wat zal ik dan niet moeten vreezen, welke straffen wachten mij niet, als ik mij verstouten zal het H. Sacrament te ontvangen ?

De Bethsamiten wierpen slechts nieuwsgierige blikken op de Ark, en toch sloeg God er in Zijn verontwaardiging duizenden om deze reden met den dood. En ach, allerbarmhar-tigste Heer, hoeveel heiliger en verhevener dan de Ark is dit H. Sacrament? Hoeveel gevaarlijker is het U te ontvangen, dan U te zien? Moet ik dan niet vreezen en sidderen bij het nuttigen van een God zoo vol majesteit, zoo rechtvaardig? En zijn er reeds zooveel redenen om voor Uw grootheid te vreezen, hoeveel meer nog moet ik beangst worden, wanneer ik de grootheid mijner zonden overweeg? Ach God, ik weet hoeveel zware mis-

ocr page 278

270

daden ik tegen ü misdaan heb! Helaas, wees mij, arme, genadig!

De H. Johannes, ofschoon in den schoot zijner moeder geheiligd, vreesde bij Uw doopsel Uw hoofd aan teraken; en hij verklaarde zich onwaardig Uwe voetzolen te ontbinden. De Prins der Apostelen riep uit: Ga weg vau mij, o Heer, want ik ben een zondig mensch. En ik. de eerste van alle zondaren, zal U durven naderen? Het was niemand die niet gezuiverd en geheiligd was geoorloofd van de toonbrooden te eten, die toch maar een voor-beduiding waren van dit mysterie. En ik, zoover van de heiligheid verwijderd, zal het Brood der Engelen durven nuttigen?

Het Paaschlam, dat slechts een voorbeduiding was van dit Sacrament, moest op Gods bevel gegeten worden met ongedeesemdc brooden en veldvruchten, de lendenen omgord en het schoeisel aan de voeten. Ach, en ik zal het wagen, ik, die zoo weinig bereid ben, tot dit Paaschlam te naderen ? Ik vrees. Heer, en ik vrees ten sterkste, dat er mij iets euvels zal overkomen aan deze tafel, waar mij zoo veel ontbreekt.

GEBED OM EEN VUBIGE LIEFDE.

Van de H. Theresia.

O mijn God, die de liefde zelve zijt, geef dat Uwe heilige liefde zich geheel en al van

ocr page 279

271

mij meester make, en door baar gloed alle eigenliefde in mij doove. Geef, dat ik U, mijn eenig en opperste goed, boven alle schepselen beminne, en dat ik mijn naaste en mij zelf in U en om U liefhebbe. Geef, dat ik alles buiten U sleclits in zooverre beminne, als het mij strekken kan om tot ü te geraken. Stort mij innige vreugde in over de volmaakte 'wijze, waarop Gij U zeiven bemint, — over de liefde welke de Engelen en Heiligen in den hemel ü eeuwig betoonen, — over de liefde eindelijk van alle rechtvaardigen op aarde, die U erkennen als hun hoogste goed, hun oorsprong en hun doeleinde, en de bron van al hun vreugde. Mogen alle zondaars en onvolmaakten over de geheele wereld hen hierin navolgen, en geef mij, o God, de genade er iets toe bij te mogen dragen, dat dit overal en bij voortduring geschiede. Amen.

GEBED TOT DE HEILIGE MAAGD.

Hoe gelukkig zou ik mij gevoelen. Heilige Maagd, liefste Moeder, indien ik maar een weinigje van Uw gesteldheden bezat en slechts door eenigen Uwer verheven gevoelens bezield werd, toen de Zaligmaker der wereld in ü kwam huisvesten. Het Heilig der Heiligen, den God der kuische zielen, het in Uw schoot gevormd, maagdelijk Lichaam van Jesus, zal

ocr page 280

272

ik weldra ontvanger. In U werd Hij door alles, door Uw nederigheid. Uw Geloof en üw maagdelijke Zuiverheid aangetrokken; in mij wordt Hij door alles afgestooten. In mij is niets Zijn hlikken. Zijn Heiligheid waardig. Bid Gij Hem, opdat Hij me zuivere en heilige. Zeg Gij Hem ten mijnen gunste datgene, wat Gij Hem eertijds op de bruiloft te Canahebt gezegd. Dan zal Hij mijn kwijnende gesteldheid in vurigen ijver, mijn lauwheid in liefde veranderen. Dan zal ook ik zingen: fiHij,die mij heeft geschapen, heeft in mijn tabernakel gerust! De Almachtige heeft Zijn wonderen over mij doen uitblinken ! Zijn Heilige Naam zij gezegend In

NA DE HEILIGE COMMUNIE.

DANKZEGGING.

yan den Eerb. Lud. Qrenatensis.

O mijn God en mijn ontferming, welken waardigen dank zal ik U thans brengen ? Ach, wat zou ik U moeten schenken, zoo mijn dankbaarheid gelijk aan uwe gave was? Eenmaal zeidet Gij tot Mozes: ft Neem een gouden raas, vul die met het Manna, verberg die in de Ark des Verhonds, om voor de toekomstige geslach-

ocr page 281

273

ten bewaard te blijven, zoodat zij het voedsel kunnen zien, hetictlk ik u in de woestijn gedurende veertig jaren heb doen eten.quot; Als Gij zulk eeu waarde hebt gehecht aan het vergankelijk voedsel, en er het volk altoos aan hebt willen herinneren, hoeveel meer eerbied moet ik dan niet hebben voor het onvergankelijk Brood, dat mij het eeuwig leven meedeelt? Ach, mijn God, de eerste weldaad kan niet vergeleken worden bij de laatste! Maar als Gij dan reeds dankbaarheid eischt voor dat stoffelijke brood; wat vordert Gij dan niet van ons, die Gij voedt met een Brood, dat niet minder in waardigheid verschilt van het Manna, als de Schepper van het schepsel! Daar is geen lof, geen dank, waardig genoeg voor zulk een gave. Neen, nimmer, nimmer, mijn God, vind ik iets, dat TJ eenigszins vergoedt wat Gij mij deedt. Ik zal dan met den Profeet den Kelk des heils opnemen, en den naam des Heeren aanroepen; dat is, ik zal nieuwe zaken vragen, en de eene genade over de andere vragen.

Ik bid U dus. Heer, dat het TJ behage deze Heilige Communie te aanvaarden tot voldoening van mijn zonden en tot verbetering van mijn vorig leven. Bouw nu weder op, wat er in mij is ingestort, vul aan wat er ontbreekt, en verrijk mijn armoede met Uwe goederen. Dood in mij door dit Heilig Brood al wat

12*

ocr page 282

274

aan Uw ODg mishaagt, en maak mijn .vil gelijkvormig aan de Uwe. Dat Uw heilig Sacrament mij steeds in U doe volharden, U volmaakt en onverpoosd beminnen, mij altoos met U verbinde en vereenige tot glorie en eer van Uwen Heiligen Naam. Wees al mijne zonden genadig, o Heer, en niet alleen de mijnen maar ook die van anderen. Doe de ketters en scheurmakers tot de eenheid der Kerk terugkeeren; verlicht de ongeloovigen om U te kennen. Sta de bedroefden bij; help degenen, die in wederwaardigheid zijn. Kom allei. te hulp, voor welken ik verplicht ben te bidden, of die zich in mijne gebeden hebben aanbevolen. Schenk Uw troost aan mijn vader, mijn moeder, mijn broeders en zusters, mijn vrienden, vijanden en weldoeners. Toon allen Uwe barmhartigheid, voor welken Gij Uw dierbaar Bloed hebt willen storten. Geef Uwr liefde aan de levenden, en de doodcn de eeuwige rust. En aan U zij eeuwig lof, eer. kracht en roem, die leeft en heerscht in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

AANBIEDIKG.

Van den H. Leonardus a Portu-Mauritio.

Ik offer U, o Eeuwige God, mijne ootmoedige aanbidding, al mijne gedachten, al mijne woorden en al mijne werken. Ik maak de

ocr page 283

275

intentie alles te doen, om ü te eeren en uwen aanbiddelijken wil te volbrengen; om ü te dienen, U te loven en U te zegenen; om verlicht te worden in de geheimen van het Geloof, mijne zaligheid te verzekeren, deel te hebben in uwe barmhartigheid, en aan uwe goddelijke rechtvaardigheid te voldoen voor zoovele afgrijselijke zonden, die ik bedreven heb; om de zielen des vagevuurs te helpen en aan alle zondaars de genade eener oprechte bekeering te verkrijgen. Kortom al mijn werken zal ik verrichten in vereeniging met de allerzuiverste inzichten, welke Jesus en Maria, al de Heiligen des Hemels, en al de rechtvaardigen der aarde in hun leven gehad hebben. Deze meening zou ik met mijn eigen bloed willen onderteekenen; ik zou haar zelfs eiken stond mijns levens willen vernieuwen, zoo dikwijls zelfs als er oogenblikken in de eeuwigheid zijn.

O mijn God, gelief die intentie te aanvaarden. Geef mij Uwen heiligen zegen, met de genade van in geheel mijn leven niet ééne doodzonde te bedrijven, maar voornamelijk niet op dezen dag, waarop ik U ontvangen heb. Laat mij alle aflaten verdienen, die ik verdienen kan. Ik vereenig mij in den geest met alle H. Missen, die in de gansche wereld zullen opgeofferd worden. De verdiensten daarvan voeg ik toe aan de zielen des vage-

ocr page 284

276

vuurs, opdat zij van liare pijnen verlost, worden. Amen.

GEBED TOT DEN H. GEEST.

Naar den H. Alphonsus.

O Goddelijke Trooster, ik aanbid U met den Vader en den Zoon als God en vereenig mij met de engelen en heiligen om U te loven en te zegenen. Ik stel mijn hart geheel Ier Uwer beschikking. Ontvang de vurige betuiging van mijn dank voor alle weldaden, die Gij over de wereld hebt uitgestort, en niet ophoudt uit te storten. Schenker van alle bovennatuurlijke gaven. Gij hebt de gelukzalige Moedermaagd met onuitsprekelijke gunsten overladen; bezoek nu ook mij, bid ik U, en verleen mij de gave van diep ontzag en on-begrensden eerbied voor Jesus in Zijn heilig Tabernakel. Schenk mij vergiffenis mijner zonden, en gedoog niet, dat ik er in hervalle. Amen.

BETUIGING VAN AFHANKELIJKHEID.

Van den II.

Geef mij nu. Heer Jesus, in deze H. Communie mij zelf te kennen en ü te bezitten, om alleen naar U te verlangen! Dat ik mi) zelf haat en U bemin, om alios alleen voor

ocr page 285

277

U te verrichten! Dat ik mij zelf verneder en U verlief om alleen aan U te denken! Dat ik mij zelf versterf en enkel in U leve, om al wat mij overkomt uit Uw hand aan te nemen! Dat ik mij zelf vervolg en Uw voetspoor druk om altijd Uw navolger te blijven! Dat ik mij zelf ontvlucht en tot U mijn toevlucht neem, om te verdienen door U verdedigd te worden! Dat ik voor mij zelf beangst ben en U vrees, om eenmaal onder het getal Uwer uitverkorenen te worden gerangschikt! Dat ik mij zelf mistrouw en op U al mijn vertrouwen stel, om gaarne uit liefde tot U te gehoorzamen! Dat ik enkel door U word aangetrokken! Dat ik om U onthecht wil blijven! Sla op mij een genadigen blik, om ü te beminnen; roep mij om U eeuwig te aanschouwen, en te bezitten. Amen.

GEBED TOT DE H. MAAGD MARIA.

Van den U. Augustinus.

O Maria, door Uw toedoen heb ik wederom Uwen Goddelijken Zoon in mijn hart. Wie zal U toch waardig kunnen dank zeggen en loven voor alles wat Gij voor ons doet? Welke lofzangen zal het zwakke geslacht van de kinderen der menschen U brengen, door wie ons alle verkwikking toekomt. Ontvang deze mijne dankzegging, hoe klein en gering zij

ocr page 286

378

ook moge zijn in vergelijking met Uwe weldaden. Ontvang onrie begeerten en beloften, maar verontschuldig onze fouten door Uwe gebeden. Laat onze gebeden den toegang vinden tot de schatkamer Uwer barmhartigheid en verwerf ons de genade der verzoening. Verontschuldig bij God door Uwe gebeden wat wij Hem durven vragen. Laat ons verwerven, wat onze geest begeert. Ontvang onze gebeden; verschoon ons, dat wij vragen. Want Gij zijt de eenige hoop der zondaren, door U hopen wij op vergiffenis onzer misdaden, en verwachten wij onze zalige belooning. Heilige Maria, kom de ellendigen te hulp, sta de kleinmoedigen bij, vertroost de weenenden, bid voor het volk, wees de voorspraak onzer priesters, laat allen, die Uwe gedachtenis vieren. Uwe hulp ondervinden. Verhoor welwillend allen, die tot U bidden, en schenk allen de gewenschte uitkomst. Bid altoos voor het volk Gods, Gij die verdiend hebt ons te schenken, den Verlosser der wereld, die leefl •en heerscht in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

ocr page 287

XIV.

Voor hen, die uit vrees van «Ie H. Tafel worden teragg:elioaden.

actk van v eb, tb, o uwen.

Boek der Navolging. IF.

fisirs.isirs. Komt allen tot mij, die vermoeid en __ belast zijt, en Ik zal u verkwikken. Het Brood, dat Ik genen zal, is mijn Vleesch voor het leven der wereld'. Neemt en eet: dit is mijn Lichaam, dat voor u zal overgegeven worden. Doet dit ter mijner gedachtenis. Die mijn Vleesch eet, en mijn Bloed drinkt, die blijft in mij en Ik in hem.

De ziel. Ja, Jesus, eeuwige Waarheid, dit zijn Uw eigen woorden, ofschoon niet op een en denzelfden tijd gesproken. Daar zij dus waarachtig zijn, behoor ik die met een dankbaar en geloovig hart aan te nemen. Doeh dit zijn ook mijne woorden, daar Gij ze tot mijn heil hebt gesproken. Gewillig neem ik ze uit

ocr page 288

280

Uwen mond aan, om ze des te dieper in mijn hart te prenten. Woorden, zoo vol teederheid, zoo vol zoetheid en liefde, moeten mij wel opwekken en aanmoedigen tot U te komen. Maar ach, mijn eigen misdaden schrikken mij zoo af, terwijl het bewustzijn van mijn onzuiver geweten mij als terugdrijft van het deelnemen aan zulke verhevene Geheimen. De vriendelijkheid Uwer taal noodt mij wel, doch de groote last mijner zonden drukt mij te zeer neder. Gij beveelt mij, o Heer, met betrouwen tot ü te naderen, zoo ik deel met U wil hebben. Gij gebiedt mij, het voedsel der onsterfelijkheid te nuttigen, zoo ik het eeuwig leven en eene altoos durende heerlijkheid wil verkrijgen. Komt, zegt Gij zelf, komt allen tot mij, die vermoeid en lelast zijt, en Ik zal u verkwikken. O welk een aangenaam en liefdevol woord in het oor eens zondaars, waardoor Gij, mijn Heer en mijn God, U gewaardigt een arm, behoeftig schepsel tot deelneming aan Uw allerheiligst Lichaam uit te noodigen! Maai wie ben ik, o Heer, dat ik mij zou verstouten tot U te naderen? De Hemel der Hemelen kan U niet bevatten, en Gij zegt: komt allen tot mij ? Wat bedoelt Gij toch met zulk eene liefderijke goedheid, zulk eene vriendelijke uitnoodiging? Hoe zal ik tot U durven naderen, ik, die mij niets goeds bewust ben, waarop ik zulks zou mogen ondernemen? Hoe

ocr page 289

281

zal ik ü in mijne woning durven binnenleiden, ik, die Uwe oneindige goedheid zoo dikwerf beleedigd heb? Zoo Gij zelf dat woord niet gezegd hadt, niemand zou het gelooven. Zoo Gij zelf dit gebod niet gegeven hadt, zou niemand wagen U te naderen.

Maar thans prijs ik Uwe barmhartigheid en betuig U mijn innigen dank voor Uwe oneindige liefde. Gij schenkt mij dit H. Sacrament niet om mijne verdiensten, maar om U zeiven, om Uw goedheid jegens mij heerlijker te doen schitteren, mij van wederliefde te ontsteken. Daar Gij dan aldus wilt en gebiedt, neem ik vol vreugde ondanks mijn schroom en vrees deze weldaad aan. Amen.

GEBED OM EEN WAARDIGE GESTELTENIS.

Van den H. Anselmus.

Ik bid U, Heer Jesus Christus, eenige hoop der ongelukkigen, dat het U moge behagen mij, zoo gevangen in de strikken der zonden, tot Uw Allerontzachelijkst Sacrament, dat de Engelen sidderend aanbidden, toe te laten. Op U alleen. Heer, heb ik vertrouwen. Ik ken mijn ellende, maar ook Uwe barmhartigheden van voor alle eeuwen, en daarom bid ik U, dat dit H. Sacrament mij niet tot verwerping, maar tot vergeving mijner zonden en tot eeuwig heil mijner ziel strekke. Dit

ocr page 290

quot;282

vraag ik U, o Heer, met vurige smeekingen, zonder mij zelf te verheffen, maar in de diepste onderdanigheid. O sla dan op deze mijne Heilige Communie een goedertieren blik, en schenk mij, ellendige, genade. Neem van mij weg al wat tegen U is. Maak mij TJwer waardig; laat mij in deze Heilige Communie U alles vragen, wat U aangenaam is, en schenk mij alles in Uwe erbarming wat ik vraag. Verhoor, Heer, mijn gebed en wees Uw volk genadig. Zuiver alle christenen van hun schuld, wek de zondaren tot een spoedige bekeering; heb medelijden met de ketters, joden en heidenen, opdat zij van hun slechte wegen terug-keeren; en erbarm U over de zielen der afgestorvenen, opdat zij door deze H. Communie de eeuwige rust verkrijgen. Amen.

VEUZOEK. OM DE VSUCHTEN DER H. COMMUNIE.

yan den Gelukz. Albert us Magnus.

Almachtige, Eeuwige God, Gods eenigge-boren Zoon, die uit ons, door ons, en om ons, Vleesch en Bloed, Ziel en Lichaam hebt aangenomen, en door den Profeet Jeremias hebt doen aankondigen, dat Uw volk door U met goedheden overladen zou worden, vervul onze zielen met het groot Geheim van Uw Lichaam, en bevredig door Uwe weldaden onze verlangens. Verleen ons, dat dit aanbiddelijk

ocr page 291

383

Sacrament van Uw Vleesch en Bloed alle vruchten in ons voortbrenge van waarheid en deugd, van liefde en eensgezindheid, van ; waarheid en godsvrucht. Maak dat, gelijk Gij in den Vader zijt en de Vader in U, en Gij in ons door Uwe reine menschelijke natuur, wij eveneens in U verblijven door onze reinheid naar lichaam en ziel. Verleen ons te worden ingelijfd in Uw allerheiligst Lichaam om aan Uwe zoetheid deel te hebben; te worden gedompeld in Uw Goddelijk Bloed, om tot in ons innigste te worden besproeid en gezuiverd; te worden bevrijd door Uw Leven, de prijs van onze zaligheid, om waarlijk verlost te worden en verzoend met den Heiligen Geest. Beziel ons door Uwen geest om alle verloren geestelijk leven te herstellen en verlicht te worden in onze gevoelens, en begiftig ons met Uwe heilige Godheid tot alle volmaaktheid. Maak ons ook o Heer, deelachtig, door uit de volheid van Uw aanbiddelijk Sacrament, dat alle genaden in zich bevat, te ontvangen, aan alle genaden, welke de H. apostelen en discipelen ontvingen, toen zij uit Uwe hand de H. Communie ontvingen. Werk in ons uit, door de verdiensten van allen welke ooit door U in den geest hersteld zijn, dat ook wij die geestelijke genezing in onze harten waarnemen. Breng in ons voort geloof, liefde, godsvrucht, geeste-

ocr page 292

284

lijke volmaaktheid, hjzorgdheid voor het ernstige, liefde tot den arbeid, ijverige gehoorzaamheid. Werk in ons uit dien geest van Lazarus en van alle vromen, die met ü rusten en wien Gij Uw rijk hebt gereed gemaakt, gelijk het üw Vader gereed gemaakt heeft voor U, om er aan Uw tafel te eten en te drinken, want zalig zij, die het Brood zullen eten, dat Gij zelf zijt. Werk in ons uit de vergevingsgezindheid van Petrus, die echter alles nedervelt wat U tegenstrijdig is, welke Gij hem in het laatste Avondmaal geschonken hebt. Breng in ons voort de heilige rust en vastheid van karakter, de volkomen tegenzin van de genietingen der wereld, het geluk en de zaligheid van den Heiligen Johannes, om aan Uw Hart te mogen rusten, en er Uw wijsheid te putten. Uw zoetheid te smaken. Breng in ons voort het ware geloof, de levendige hoop en de volmaakte liefde door de tusschenkomst van alle apostelen en leerlingen, die Gij persoonlijk dit Brood des Levens hebt uitgedeeld. Doe ons altoos het verraad van Judas verachten. Laat ons dikwijls in onze ziel de heilzame werking gevoelen, welke Uwe heiligen in den hemel door Uw Godheid ondergaan en aldus al hun zaligheid genieten. Gij, die leeft en heerscht in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

ocr page 293

285.

GEBED

ran het Concilie Pan J'rente.

Almachtige, Eeuwige God, ik bid en smeek U, om wille van Uw erbarmend Hart, dat een ieder onzer, die den naam van Christen draagt, door deze afbeelding der eenheid, door dezen band der liefde, door dit teeken der eendracht eens vereenigd moge worden in heilige eensgezindheid. Laat ons indachtig zijn de verheven waardigheid en de uitstekende liefde van onzen Heer Jesus Christus, die Zijn welgevallig leven aanbood tot prijs onzer zaligheid, en ons zijn Lichaam tot voedsel heeft geschonken, opdat wij daardoor het goddelijk Geheim van Zijn Lichaam en Bloed met zulk een vast en volhardend geloof, met zulk een innige godsvrucht, liefde en aanbidding aannemen en vereeren, dat wij dit bovennatuurlijk Brood veelvuldig kunnen ontvangen. Moge dit Brood ons waarlijk strekken tot leven van onze ziel, tot gezondheid van onzen geest, opdat wij door deze kracht versterkt van den tocht, door de ellendige ballingschap hier beneden tot het hemelsche vaderland mogen geraken, waar wij het Brood der Engelen, dat wij thans onder de heilige gedaanten verborgen nuttigen, ongesluierd zullen smaken. Door denzelfden Christus onzen Heer. Amen.

p

ocr page 294

286

LAATSTE VfiflZUCHTINGEN.

O mijn Jcsus, ik geef gehoor aan uw stem: Komt tot Mij, gij allen, die onder den last uwer marien zucht; Ik zal u verlichten. Uwe voeten zijn vermoeid van het zoeken, om mij naar den schaapstal terug te voeren. Uwe armen strekt Gij naar mij uit; Gij verwacht mij; Gij wilt mij aan Uw hart drukken. Uw Hoofd is gebogen; Gij brandt om mij den vredekus te geven. Welnu, hier ben ik, o goede Jesus. Ik ga mij met U vereenigen, om nooit meer te scheiden.

NA DE HEILIGE COMMUNIE.

ONTBOEZEMING.

Van den Rom. Missaal.

Ik heb Hem gevonden, dien mijn hart bemint, ik bezit Hem, ik zal Hem niet meer verlaten. O Jesus, mijn Koning, heb medelijden met mijn ellende en kwellingen. Mijn Ilechter, vergeef mij al mijn zonden; mijn Geneesheer, heel al mijne gebreken. Laat mijn vereeniging met U, den Bruidegom mijner ziel, van eeuwigen duur wezen. Mijn Gidsen mijn Beschermer, neem mij bij de hand en

ocr page 295

287

verdedig mij tegen al mijn vijanden. Omdat Gij U voor mij tot een Slachtoffer liebt gemaakt, wil ik Ü dagelijks een offer van eer-liewijzingen brengen. Mijn Verlosser, bevrijd mijn ziel van de dwingelandij des Duivels en verleen mij vermeerdering der heiligmakende genade.

DANKZEGGING.

yan den Eerb. Lud. van Grenada.

Ach, Heer, Uwe werken zijn toch niet be-driegelijk! Wat zij uitwendig beloven, dat bevatten en deelen zij mede. Door dit uitwerksel ken ik Uw goedheid; naar dit werk beoordeel ik Uw hart; door deze welwillende troost heb ik het zekere bewijs van de liefde, welke Gij mij toedraagt! Inderdaad, geen grootere weldaad, geen schitterende gunst had Gij me kunnen toonen. O voorwerp van vreugde, o bron van genot, o zenuw der deugd, o dood der zonden, o brood des levens, o middel van gezondheid, o vuur van liefde, o geestelijke verkwikking, o koninklijke maaltijd, o voorsmaak van alle zaligheid, o hemel-sche verzadiging!

O wat zal ik nu voor U doen, mijn God I ■welken dank zal ik U brengen? met welke liefde U beminnen? als Gij, zoo groot een Heer, U gewaardigd hebt mij, eenen verach-

ocr page 296

288

telijken, nietigen aardworm te beminnen, hoe moet ik dan U, den allerverbevenste, den allerrijkste, den alleredelste, den bruidegom van mijn ziel op mijne beurt beminnen? Ik zal U dus beminnen. Heer, naar ü verlangen, U eten en drinken. O zoetheid der liefde, o onschatbare liefde der zoetheid, dat mijne ziel U thans smake, en geheel mijn iniiigste door deze zoetheid vervuld worde! O onmetelijke liefde van mijn God, o zoete honing, o aangenaam brood, o spijs der volwassenen, doe mij door Uw kracht opgroeien, opdat ik waardig in U mij verheuge en mijn vreugde vinde. O zoetheid en bevrediging van mijn ziel, o liefde en lust van mijn hart, waarom brand ik thans niet heel en al van liefde voor u? Waarom ben ik nog niet gloeiend als het ijzer dat in het vuur gedompeld is geworden, zoodat ik niet anders meer zoek dan Uwe zuivere liefde? O hemelsch vuur, o zachte vlam, o zoete wond, o kerker van wellust, waarom ben ik nog niet heel en al geketend door deze boeien? waarom nog niet doorstoken door deze schicht van liefde? waarom brand ik nog niet zoo van liefde, dat mijn hart kwijnt en geheel verteerd wordt? Acli kinderen van Adam, blind en misleid geslacht, door de dwaling her- en derwaarts geslingerd, wat doet gij toch? wat zoekt gij? waar snelt gij heen? zoekt gij liefde, maar

ocr page 297

289

ziehier dan liefde; ziehier de edelste, de zoetste, de verhevenste liefde, welke er op aarde is. Zoekt gij genieting, ach, ziehier genieting, de zoetste, de krachtigste, de reinste genieting. Zoekt gij rijkdom, ziehier een schat uit den hemel, de prijs der wereld, de oceaan van alle goed. Zoekt gij eer, ziehier is Uw God, en met Hem de heerlijkheid van Zijn goddelijk wezen, die U de eeuwige eer komt verzekeren.

LOFPRIJZING.

Fan den Gelukz. Henr. Snso.

Mijn Heer en God, als ik goed bedenk, wie ik hen, waar Gij me voor behoedt hebt, uit welke gevaren Gij me hebt verlost, uit welke boeien en strikken mij getrokken, wat ik vooral in deze oogenblikken door Uwe vereeniging met mij, in mijn hart heb, ach, eeuwig goed, dan begrijp ik mij niet, hoe mijn hart zich niet geheel verliest in Uwen lof! Heer, hoe lang hebt Gij mij verbeid, hoe vriendelijk mij ontvangen, hoe teeder mij Uwe ingevingen geschonken, hoe zoet zijt Gij verborgen tot mij gekomen! En hoe ondankbaar ik mij ook tot nu bij elke Uwer gaven toonde, toch hebt Gij niet nagelaten mij tot U te trekken. Zou ik U dan niet loven? Ja waarlijk Heer, mijn zachte Heer, ik wil U

13

ocr page 298

390

een uitbundigen lof toebrengen, een lof zoo groot en zoo vreugdevol als de Engelen D toezwaaiden op het oogenblik dat zij U, na de verwerping van Lucifer en de zijnen, het eerst aanschouwden; of als die der arme zielen, het eerste oogenblik dat zij uit den kerker van het grimmige vuur verlost worden en tot U snellen om U voor het eerst te aanschouwen; en gelijk aan den oneindeloozen lofzang, die er los zal barsten door de straten van het hemelsoh Jerusalem in het laatste oordeel, als Uw uitverkoren in eeuwige zekerheid van de verworpelingen zullen gescheiden worden. Amen.

OPDRACHT VAN ZICH ZELVEN.

^an den H. Bernardus.

Wat zal ik ü weergeven, o mijn God, voor alles wat Gij aan mij hebt gedaan. Gij hebt mij het kostbaarste gegeven wat Gij bezat, U zei ven. Gij hebt mij alles gegeven, wat Gij bezat. Ach, moet ook ik U dan niet alles geven, wat ik bezit! Wat talm ik nog om mij zeiven aan U op te dragen. O God, ik heb twee geringe zaken, mijn ziel en mijn lichaam j mocht ik ü deze als hulde aan Uw grootheid volmaakt schenken ! Immers het zal mij voordeeliger en roemvoller zijn ze U af te staan, dan ze voor mij zelf te behouden. Aan mij zelf overgelaten ontroert mijn geest,.

ocr page 299

391

)f zoo en IJ na de eerst i, het r van ot ü

wen; Almachtige leidsman van mijn ongeregelde j (Jie- en tot het kwaad geneigde zintuigen, ik wijd i het ü deze toe, en draag ze U op, met al hun IsUw handelingen en bewegingen. Ik ben vast be-; ver- sloten' ze voortaan met den bijstand Uwer men. goddelijke genade zoo te regelen, dat zij nimmer meer naar willekeur en eigenmachtig handelen, maar alleen volgens de ordening van mijn aan U geheel onderworpen geest. Alle hun kwade nijgingen en lusten zal ik versterven, en mij zelf haten, gelijk Gij dit verlangt van hen, die U toebehooren. En al het zinnelijke zal ik slechts doen dienen, om mij tot het hoogere, onzichtbare te voeren, zooals Gij, o God, wilt, dat wij ons door het aardsche tot het hemelsche verheften. Hel]) mij, o God, in dit mijn onherroepelijk besluit. Amen.

voor hebt Jt, U t Gij alles ; om i, ik mijn Uw it zal U af iden. eest^

GEBED OM VERSCHILLENDE ZAKEN.

jta?/ den H. Clemens, Paus.

Almachtige Heer en God, Vader van Christus, Uwen eeuwig gezegenden Zoon, die het

maar in U zal zij opspringen van vreugde. Neem ze clan aan, o God, en wees mij genadig, Amen.

ANDERE OFFERANDE. Naa r de 11. Theresia.

ocr page 300

392

gebed verhoort van allen, die TJ in oprechtheid huns harten aanroepen, en zelfs de wen-schen kent van hen die ze niet uiten, ik dank U, dat Gij mij hebt waardig gekeurd aan Uwe Heilige Tafel aan te zitten. O God, die ons aan de gemeenschap der boozeu hebt ontrukt, vereenig ons nu met hen, die aan ü verbonden zijn; bevestig ons in de waarheid door Uwen H. Geest. Leer ons wat wij niet weten, en vul aan wat ons ontbreekt. Doordring ons dieper van hetgeen wij weten. Behoed ons onze priesters onbesmet in Uwen dienst. Bewaar de koningen en overheden in rechtvaardigheid en vrede, de vruchten der aarde in overvloed, de geheele wereld in Uwe nooit onderbroken voorziening. Bedwing de oorlogzuchtige natiën; bekeer de afgedwaalden; heilig üw volk; bescherm de maagdelijkheid; bewaar de echtelieden in het geloof; versterk de onwetenden; breng de jeugd tot rijperen leeftijd; bevestig de beginnenden; onderricht de nieuwe bekeerden, en verzamel ons allen voor het rijk der Hemelen, in Christus Jesus, onzen Heer, wien met U en den H. Geest toekomt alle lofprijzing, vereering en aanbidding in de eeuwen der eeuwen. Amen.

GEBED TOÏ MARIA.

Van den H. Barnardus Laat ons door U toegang krijgen tot Uwen

ocr page 301

293

ïclit- Zoon, o gezegende onder de vrouwen, die gewen- nade gevonden hebt, en de Moeder van het lank leven en de zaligheid zijt. Laat Hij door U aan ons ontvangen, wien wij door U ontvangen , die hebben. Uwe volmaaktheid verontschuldige bij ont- Hem de schuld van ons bederf, en Uwe oot-n ü moedigheid bij God zoo verheven, verwerve heid vergiffenis voor onze hoovaardij. Moge Uwe niet overgroote liefde de menigte onzer zonden oor- bedekken ; Uwe verheven vruehtbanrheid ons Be- de vruchtbaarheid in verdiensten brengen, wen O onze Middelares, onze Meesteres, onze a in Voorspreekster, beveel ons aan Uw Zoon, der vertoon ons aan Uw Zoon, verzoen ons met Dwe Uw Zoon. Maak, o gezegende, door de genade ; de die Gij verdiend hebt, door de barmhartigheid, ienj die Gij gebaard hebt, dat Hij, die door U eid; heeft willen deelnemen in onze zwakheid en terk ellende, door U ons een deel verleene in de eren zaligheid en in Zijn heerlijkheid, Jesus Chris-'icht tus. Uw Zoon, onze Heer; die God is, boven .Hen alles gezegend in eeuwigheid. Amen.

isus,

eest aan-

i. --

iven

ocr page 302

GEBED VOOR DE H. KERK.

Van de H. Gatharina van Senen.

MjHk vlucht tot U, goddelijke Heelmeester, onuitsprekelijke liefde mijner ziel! Ik verzucht vurig naar ü, ik die zoo gering ben, naar U, o eeuwige, oneindige Drievuldigheid. Ik

i) Geen geschikter oogenblik om God de wenschen van het hart voor te stellen, dan dat waarop men de Zaligmaker bezit. Daar het niet doenlijk is voor ieder der veelvuldige behoeften van den mensch plaats te geven aan een bizondere Oefening, laten wij hier nog eenige gebeden volgen ten dienste van hen, die voor een bizondere intentie ter H. Tafel naderen. Getrouw aan onze gewoonte, kiezen wij bij voorkeur daartoe de degelijke en hartverheffende gevoelens, waarmede de Heiligen baden, daarin aangemoedigd door den H. Augustinus, die eveneens zijn gevoelens aan hunne woorden ontleende, ^wijl ook hij door de gebeden der Heiligen ontvlamde van- Gods heilige liefde, telkens als hij gevoelde daarin te verkoelen.quot;

ocr page 303

293

wend mij tot ü, om van het geringste smetje mijner ziel gezuiverd te worden. Toef niet langer, ik vraag het U door de verdiensten van den H. Petrus, wien Gij het bestieren van Uw scheepje hebt aanvertrouwd. Sta Uwe Bruid bij, die in Uwe vurige liefde en gron-delooze wijsheid vertrouwen stelt. Veracht de verlangens Uwer dienaren niet, maar bestier zelf dat heilige vaartuig. Gij maakt den vrede, trekt alle geloovigen tot U; verdrijf de duisternis van den storm, opdat de dageraad van Uw Zon aanlichte over de velden Uwer Kerk, en er den zielenijver krachtig doe ontluiken. O teedere en erbarmende Vader, Gij hebt ons banden in de hand gegeven, waarmede wij den arm Uwer gerechtigheid kunnen binden: Gij schenkt ons namentlijk de nederige gebeden Uwer vurige dienaren, waaraan Gij tevens verhooring toezegt, zoo zij Uwe barmhartigheid afsmeeken voor de wereld. Dank, almachtige, eeuwige God, voor de rust, welke Gij aan Uwe Bruid hebt willen beloven. Ja, ik zal Uwen hof binnengaan, en dien niet verlaten, alvorens de vervulling Uwer beloften, die nimmer falen, te hebben gezien. Wisch heden onze zonden uit, o Heer, en zuiver onze zielen met bet bloed dat Uw eenige Zoon voor ons heeft gestort, opdat wij met blijdschap op het gelaat en zuiverheid in het hart. Hem liefde voor liefde wedergeven.

■

i

ocr page 304

396

door aan ons zelf te sterven en voor Hem te leven. Amen.

ANDEK GEBED VOOR DE H. KERK.

Van den H. Fins V.

Goedertieren God, die de ongerechtigheden van hen, die zich tot U bekeerd hebben, niet meer indachtig zijt, maar hunne verzuchtingen vol barmhartigheid verhoort, zie op Uwe tempels, die door de handen der ongeloovigen ontheiligd zijn, en op de verdrukking Uwer teergeliefde kudde goedgunstig neder. Wees Uw erfdeel gedachtig, dat Gij door het allerkostbaarst Bloed van Uwen eeniggeboren Zoon verkregen hebt. Bezoek liefdevol den Wijngaard door Uwe rechterhand geplant, dien een verslindend dier tracht te vernielen. Versterk hen, die hem bearbeiden met Uwe kracht tegen den haat Zijner verwoesters. Doe hen overwinnen en geef hun, die hun werk goed verrichten, het bezit van Uw rijk. Door den-zelfden Christus, onzen Heer. I men.

HETZELFDE GEBED.

lt; Van H. Paus Leo XIII.

(Met een aflaat van 7 jaar en 7 quadrag.)

Tot u, heilige Joseph, vluchten wij in onze beproeving en na de hulp uwer allerheiligste

ocr page 305

397

Bruid te hebben ingeroepen, smeeken wij met betrouwen ook uwe besclierming af. Wij bidden u ootmoedig, bij die liefde, die u met de onbevlekte Maagd en Moeder Gods ver-eenigd heeft, en bij de vaderlijke teederheid, waarmede gij het Kind Jesus hebt omhelsd, goedgunstig neer te zien op het erfdeel, dat Jesus Christus zich verworven heeft door zijn bloed, en ons in den nood met uwe hulp en bijstand te ondersteunen.

O zorgvolle Bewaarder van het Goddelijk Gezin, behoed het uitverkoren kroost van Jesus Christus. O liefdevolle Vader, zie toe dat geen dwalingen of zonden ons besmetten. O machtige beschermer, sta ons uit den hemel genadig bij in dezen strijd met de heerschappij der duisternis; en gelijk gij weleer het Kind Jesus aan het grootste levensgevaar ontrukt hebt, bevrijd thans evenzoo de heilige Kerk Gods van de vijandelijke lagen en allen rampspoed. Beschut ieder onzer met uwe altijddurende bescherming, opdat wij naar uw voorbeeld, en ondersteund door uwe hulp, heilig mogen leven, zalig sterven en het eeuwig geluk des hemels verkrijgen. Amen.

GEBED VOOK Z. H. DEN PAUS.

l/'an de H. Catharina van Sen en.

Weinige zielen zijn zoo met innige godsvrueht voor een levendig geloof aan liet Pausdom bevoov-

13*

ocr page 306

298

recht geweest als deze heilige Maagd. Mochten ook ons, door het veelvuldig bidden harer gebeden, dezelfde verheven gevoelens bezielen.

Heer, ik heb gezondigd, ontferm U mijner! Ik roep Uwe eindelooze barmhartigheid in; ik smeek U een genadigen blik van teeder-heid eu liefde te werpen op Uwe Bruid, de H. Kerk. Verlicht Uwen Stedehouder dat hij ü en zich zelf niet beminne om zich zeiven, maar dat bij ü en zich zelf alleen om U beminne. Zoo hij dit doet, zullen wij het leven bezitten, omdat wij tot het leven de voorbeelden van onzen goeden herder moeten volgen.

O onuitsprekelijke en allerhoogste God, ik heb gezondigd en ben niet waardig U nog te mogen bidden. Doch Gij kunt mij minder onwaardig doen zijn. Straf mijn zonden, o Heer, en let niet op mijn ellende. Ik heb van U een lichaam ontvangen: dit geef ik U weer, en offer het U op. Neem mijn lichaam en bloed; sla het, vermink het, doe het tot stof wederkeeren, maar verleen mij wat ik U verzoek voor den Roomschen Opperpriester, den eenigen Bruidegom Uwer eenige Bruid. Laat hem Uw wil kennen, beminnen en volgen om ons van den ondergang te redden. Geef hem, mijn God, een nieuw hart, vermeerder steeds in hem Uw genade; maak hem onvermoeid om den banier van Uw H, Kruis hoog te

I1

ka 'i i

ocr page 307

299

° °°k houden; en laat hem aan de ongeloovigen de rijkdommen Uwer erbarmingen doen toekomen, zoowel als aan ons die de vruchten reeds jner! genieten van het lijden en het Bloed van het onbevlekte Lam, Uw welbeminden Zoon. Ik heb gezondig. Heer, eeuwige God, ontferm U mijner. Amen.

GEBED VOOR DB PRIESTERS.

Fan de H. Catharina van Senen.

Eeuwige en onuitsprekelijke God, verhoor Uw dienaar (dienares) die U smeekt om hart en wil der bedienaars van onze Moeder, de H. Kerk tot U te wenden, opdat zij het Lam, Uw Zoon, volgen op zijn Kruisweg, en zij Hem navolgen in armoede, zachtheid, nederigheid, niet slechts op onvolmaakte wijze, maar op bovenmenschelijke en goddelijke wijze.

Mogen zij als engelen cp aarde verkeeren, wijl zij het Lichaam en Bloed van Uw eenig-geboren Zoon moeten consacreeren en den geloovigen voorzetten. Dat zij dit toch nimmer onwaardig worden, maar vereenig hen. Gij die den Vrede brengt, in Uwe liefde. [1gt; Zuiver hen in de wateren der zee van Uwe erbarmende goedheid, opdat zij den kostbaren quot; tijd niet verliezen, maar met het tegenwoor-

juer-, de ithij ven, r be-iven oorsten

ik l te der , o 'an

e dige voor de toekomst woekeren. Ik heb ge-

1

ocr page 308

300

zondigd, o Heer, ontferm U mijner. Hoor Uw nederige dienstknecht (dienstmaagd), die U smeekt voor allen die Gij hem hebt toevertrouwd, en die ik alleen met de volmaakte liefde zou willen beminnen van Uw oneindige liefde, o groote, o eeuwige, o onuitsprekelijke, o waarachtige God. Amen.

GEBED VOOR Z. H. BEN PAUS EN ZIJNE VERVOLGERS.

Van de H. Catharina van Setien.

Almachtige, eeuwige God, geef een onversaagd en ootmoedig hart aan Uwen Stedehouder op aarde. Ik smeek er U allerdringendst om, en ik zal daarmee niet ophouden, alvorens door U verhoord te zyn. Openbaar Uw kracht in hem. Doe zijn hart voortdurend van Uwe heilige verlangens branden; doe het met zachtheid, met beleid, met liefde, en met zuiverheid handelen. Doe hem de geheele wereld tot zich trekken. Ja, geef Uwen Plaatsvervanger den overvloed Uwer waarheid, opdat hij kenne wat hij door zich zelf is, en wat Gij door Uw genade van hem heb gemaakt. Verlicht ook hen, die hem bestrijden, en die den H. Geest en Uwe almacht weerstaan door hun ontevreden hart. Klop aan de deur van hun hart, want zonder U zijn zij verloren. Wek het leven wederom in hen op.

ocr page 309

301

o mijn God, ter hunner bekeering. Dat Uwe onuitsprekelijke liefde hun hart verteedere, opdat zij tot U wederkeeren en niet verloren gaan. En omdat zij gezondigd hebben, o aller-goedertierenste God, straf hun misdaden aan mij. Hier is mijn lichaam; dat het strekke om de slagen te ontvangen, die hen zouden vernietigen. Amen.

GEBED VOOU DE BEKEERING DE» ZONDAARS.

Van de H. Theresia.

O God van mijn hart, eenig ware God, hoeveel vrnag ik TJ niet, wanneer ik U smeek om hen te beminnen, die U niet beminnen; om hun open te doen, die niet aan Uwe Goddelijke deur aankloppen; om hen te genezen, die niet alleen behagen nemen in hunne krankheid, maar er zelfs nog naar streven om hun ziekten te onderhouden en te vermeerderen. Maar Gij hebt gezegd, mijn God, dat Gij op aarde zijt gekomen om de zondaars te zoeken. Ach Heer, wil dus niet letten op hun verblinding, maar enkel op de stroomen bloeds, welke Uw geliefde Zoon voor ons heeft vergoten. Laat Uw goedertierenheid schitterend de duisternis, waarin hun boosheid hen gedompeld heeft, verlichten. O sla een genadigen blik op hen, o Heer; zij zijn het werk Uwer handen. Red hen door Uw goedheid en barmhartigheid. Amen.

ocr page 310

302

GEBED VOOB DE BEKEBBING DER ZONDAAES.

Van de H. Catharina van Seneti.

Almachtige God, Gij zijt het leven en ik ben de dood. Gij zijt de Wijsheid en ik het onverstand; Gij het licht en ik de duisternis; Gij de oneindigheid en ik het niet; Gij de rechtschapenheid en ik het bedrog; Gij de geneesheer en ik de zieke. Toef niet langer, o goedertieren Vader, en werp een blik van medelijden op de wereld. Zij zal ü meer eer geven, als zij verlicht wordt, dan dat zij in de duisternis verblijft.

Alles verheerlijkt Uw Naam; maar inden zondaar vooral schittert Uwe barmhartigheid, die het zwaard der gerechtigheid terughoudt om aan de schuldigen tijd tot bekeering te laten. Uw glorie schittert in de hel, waar Uw rechtvaardigheid de verdoemden straft; maar daar toont zich eveneens Uw barmhartigheid, die niet zoo zwaar den zondaar doet treffen, als hij het verdiend heeft. Ook daar wordt Uw Naam geëerd. Dan ach. Heer, zoo gaarne wenschte ik dien te zien verheerlijkt door alle schepselen, doordat zij Uwen H. Wil vervullen en tot het einddoel geraken, waartoe Gij hen geschapen hebt. O maak van Uwen stedehouder een anderen Jesus, en geef hem het licht, dat hij zoo dringend behoeft om het over zijn onderhoorigen uit te storten. O al-

ocr page 311

303

lerbeste en allergoedertierenste Vader, ik bid U, schenk ons allen üwen zoeten en eeuwigen zegen. Amen.

GEBED VOOR DE BEKEERING DER HEIDENEN.

Flt;xn den tl. Francisctis Xaverins.

O eeuwige God, Schepper van hemel en aarde, gedenk, dat Gij de zielen der heidenen eveneens geschapen hebt, en dat zij naar Uw beeld en gelijkenis zijn gevormd. Acb Heer, thans brengen zij U geen eer, en wordt de hel met deze ongelukkigen gevuld. O w.il dan niet langer gedougen, dat Uw Zoon door hen worde veracht; maar laat U bewegen door het gebed Uwer Heiligen en van Uwe heilige Kerk, en wees Uw barmhartigheid indachtig. Vergeet hun ongodsdienstigheid en heidendom; geef, dat ook zij eindelijk eens geraken tot de kennis van Hem, dien Gij gezonden hebt, van onzen Heer Jesus Christus. In Hem is ons heil, ons leven, onze verrijzenis; door Hem zijn wij verlost en bevrijd; Hem zij glorie door alle eeuwen der eeuwigheden. Amen.

GEBED TER BERE VAN DE H. BARBARA OM EEN

ZALIG STERFUUR VAN EEN AFGEDWAALDE.

O Heilige Maagd en Martelares Barbara,

ocr page 312

304

met weemoed is mijn liart vervuld, wanneer ik bedenk, welke toekomst de ziel van N., mij door de banden van vriendschap en bloed zoo nauw verbonden, wellicht wacht. Gaarne aanbid ik in haar toestand de heilige inzichten Gods, die de onwaardige Zijn genade onthoudt, maar tevens weet ik, dat ik voor haalkan eu moet bidden. Ik smeek u dan, Heilige Barbara, bij al het lijden dat gij voor Jesus ondergaan hebt, dat gij deze arme ziel onder uwe hoede wilt nemen. Verwijder toch van haar alle gevaren, die haar een haastigen en onvoorzienen dood kunnen berokkenen. Weerhoud de straffende hand van den Allerhoogste, wanneer Hij, na lang genoeg getergd te zijn, eensklaps de roekelooze zou willen treffen en haar, midden in de zonde wellicht, voor Zijn Rechterstoel zou dagen. Verwerf gij, die zooveel vermoogt bij Uw Jesus, voor haar de genade der bekeering, en mocht zij zulks niet meer waardig zijn bij haar leven, verkrijg dan voor het minst die gunst in haar laatste ziekte. Vraag vóórhaar in die bange oogenblikken een helderen blik in haar deerniswaardige!! toestand, een groote vrees voor de aanbrekende eeuwigheid, een vurig verlangen naar den hemel, een groot vertrouwen op de verdiensten van Christus zoenbloed, en een innig berouw over al haar ongerechtigheden. Leid nog tijdig tot haar

-

ocr page 313

305

sterfbed den priester die haar met den hemel verzoent, haar sterkt met het Sacrament dei-liefde, hare schulden verlicht door het Sacrament der Stervenden, opdat er weder een zondaar te meer uwe eindelooze barmhartigheid lofzinge in alle eeuwigheid. Heilige Barbara, Patrones der stervenden, bid voor ons en allen die ons dierbaar zijn, opdat geen van hen in staat van doodzonde sterve. Amen.

GEBED VAN EEN MOEDER VOOR HAAS KINDEREN.

Van den H. Franciseus van

haar I haa r

O Verlosser mijner ziel, die in uw leven de kinderen zoo bemind hebt, en zoo vaak in Uw armen genomen, o neem ook de mijnen daarin op, en aanvaard 1 en ook tot Uwe kinderen, opdat zij U bezittende en aanroepende als hun Vader, Uw Naam in zich verheerlijken en Uw rijk verkrijgen. Daarom dan ook. Verlosser der wereld, wijd ik hen U toe, en sta hen geheel af tot het onderhouden Uwer geboden, tot de liefde voor Uw dienst, en tot den dienst van Uwe liefde. En Gij, allerheiligste Moedermaagd, mijn geliefde en eenige Meesteres, Roem der vrouwen, neem met Uwe onovertroffen teederheid mijne wen-schen en gebeden voor hen in Uw Moederhart op, zoodat het aan de barmhartigheid van Gods Zoon behage ze te verhooren. Uit

ocr page 314

306

vraag ik van ü, o beminnelijkste aller schepselen, en ik bezweer het U door de maagdelijke liefde, die Gij voor Uwen geliefden Bruidegom, den H. Joseph, hebt gehad, door de oneindige verdiensten van de Geboorte van Uwen Jesus, door bet allerheiligst Hart, waaronder Hij heeft gerust, en door het heilig voedsel, waarmede Gij Hem gelaafd hebt. Heilige Engelen, aan mij en do mijnen ter bewaring overgegeven, verdedigt ons, bestiert ons, opdat wij door Uwe hulp eenmaal tot de glorie mogen geraken, welke gij reeds geniet, om met ü ons aller Heer en Meester te loven en te zegenen, die leeft en heerscht in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

GEBED VAN EEN KIND VOOR ZIJNE OUDER3.

Ik dank ü, almachtige God, dat Gij mij in mijne ouders een liauwe voorstelling hebt willen geven, van datgene, wat üw vaderlijk Hart voor mij gevoelt. Zij zijn in Uw hand het werktuig geweest om mij het leven te schenken; door hun toedoen ontving ik Uw heilig geloof, en tal van andere weldaden heb ik hun te danken. Daarom dank ik U heden voor Uwe goedheid, diemij dozen schonk, boven zoovele anderen, en ik wil ü vooral dien dank betuigen door stipt de plichten te vervullen, die Gij mij jegens hen oplegt. Geef

ocr page 315

307

mij de genade altoos eerbiedig, onderdanig, liefdevol en bezorgd voor ben te zijn, en verhoor immer de gebeden, die ik U opdraag voor hun tijdelijk en eeuwig welzijn. Geef kun bier, zoo het hun ter zaligheid strekt, tijdelijke welvaart en bloeiende gezondheid; geef hun de vrede des harten en de noodige verlichting en kracht om aan hunne roeping van Christenouders te beantwoorden; bewaar en versterk hen in Uwe liefde; vermeerder in hen den christelijken geest; doe hen alle deugden met ijver beoefenen; voeg lederen dag nieuwe verdiensten aan hunne werken loe; spaar hen mij tot in een hoogeu, geze-genden ouderdom; ontvang ben in hun sterfuur, beloon hen voor alle weldaden, mij bewezen, in Uwe gelukzalige eeuwigheid. Amen.

GJ'.BED BIJ DB KEUZE VAN EEN LEVENSSTAAT.

(Boei der Wijsheid.)

Almachtige, eeuwige God, die alles door Uw Woord gemaakt en in üw wijsheid geordend hebt, zend mij van üwen heiligen, hoo-gen hemeltroon diezelfde Wijsheid om mij bij te staan en voor te lichtan bij al mijne gedragingen, om te weten welken levensstaat ik volgens Uw welbehagen aan moet nemen. Want welk mensoh kan de besluiten Gods doorgronden, en wie kan weten, wat üod over

ocr page 316

308

li em lieeft beschikt? Immers de geest des menschen is besluiteloos, en zijn wegen onzeker. Immers, het lichaam dat eenmaal tot bederf over zal gaan, onderdrukt den geest, en de stof waarin hij op aarde woont, maakt hem loom en traag. Hoe zal ik dan Uw wil kennen. Heer, als Gij de wijsheid niet geeft ? Zend mij dus Uwen Heiligen Geest om mij het rechte pad aan te wijzen, waarlangs het U behaagt mij naar mijn eeuwige bestemming te voeren. Amen.

stand houd Weei om i arbei er di en ^ der

;' s

GEUED VAN EEN STUDENT,

/Vaar den U. Thomas van Aquiue.

Eindeloos heilige Schepper, die uit de on-nitputbare schatten Uwer Wijsheid de drie, orden der Engelen hebt voortgebracht, en haar op bewonderenswaardige wijze in den hemel ; hebt gerangschikt, die dit heelal in de vol

maaktste orde hebt geschapen, en de bron van alle licht en wijsheid, het begin ven alles genoemd wordt; stort, bid ik U, over de duisternis van mijn verstand een straaltje van Uw heilig licht. Verwijder van mij de dubbele donkerheid, waarin ik geboren ben, die der onwetendheid en der zonde. Gij maakt de tong der kleinen welsprekend; bestier ook de mijne, en stel op mijne lippen de genade van Uw heiligen Zegen. Verleen mij ver

4 4.

i^ÏL-

'L

E ste ren, wer Pat) de \ afgi heic kon heb gen doo opd in lijk eeu

ocr page 317

309

stand om in te zien, bekwaamheid om te onthouden, gemak en gescliiktheid voor de studie. Wees met mij bij het begin mijner werken om mij te verlichten, gedurende den tijd van arbeid om dien te voltooien, bij liet einde om er de kroon op te zetten. Gij, waarachtig God en Mensch, die leeft en heerscht in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

ANDER GEBED.

yan 7j. 11. Paus Leo XIII.

Engelachtige Leeraar, Heilige Thomas, eerste der Godgeleerden, en regel der Wijsgee-ren, schitterende glorie van de Katholieke wereld en Licht der H. Kerk, hemelsche Patroon van alle Katholieke scholen, gij hebt de wijsheid zonder valschheid geleerd en zonder afgunst medegedeeld. Bid Gods Zoon, de Wijsheid, dat de geest van wijsheid in ons moge komen, opdat wij begrijpen wat gij geleerd hebt, en uw daden navolgen. Maak ons deelgenoot aan de deugd en de wetenschap, waardoor gij als een zon steeds geschitterd hebt, opdat wij hare zoete vruchten eenmaal eeuwig-in den hemel gen'eten met U, en de goddelijke Wijsheid lof zingen door alle eeuwen der eeuwen. Amen. (300 dag. afl.)

ocr page 318

310

GEBED VOOR EEN ZIEKE.

Fan de H. Gertrudis.

Heer Jesus, ik bid U door de liefde, waarmede Gij onze zwakheden en de pijnen die wij verdienden, op TJ genomen liebt, dat Gij aan dezen zieke het noodige geduld wilt geven en doen behouden. Moge elk oogenblik van zijn lijden strekken tot Uwe meerdere glorie en tot vermeerdering zijner verdiensten, volgens de inzichten, welke Uw vaderhart van alle eeuwigheid tot zijner ziele zaligheid gehad heeft. Amen.

GEBED TOT MARIA ALS MEN EEN DIERBARE OVERLEDENE BETREURT.

Kan den Gelukz. Henrictis Suso.

O Koningin van mijn diep bedroefd hart, teedere Moeder, verkrijg mij van Uwen welbeminden Zoon, dat ik, door zijn lijden en door het deel, dat Gij er aan hebt genomen, mijne droefheid en mijn verveling, mijn verlatenheid en mijn gemis gelaten verdrage en te boven kome. Thans is de aarde voor mij een treurige ballingschap, maar laat ik voortaan geen andere liefde, verlangen of hoop meer hebben dan Jesus. Moge ik door Hem en met Hem lijden. Wisch Gij, Moeder, mijne tranen af; en verkrijg, dat mijn lijden niet vruchte-

ocr page 319

311

loos voor mij zij, doch mij, na een leven vol goede werken, met IJ en die geliefde ziel voor altoos verbinde. Amen.

GEBED OM DE Z XJ1 V E B, H £ I D.

Uit tiet Romeinsch Missaal.

O Behoeder en Vader der maagdelijke zielen, Heilige Joseph, aan wiens trouwe zorg de onschuld zelf, Christus Jesus, en de Maagd der Maagden, Maria, is toevertrouwd geworden; ik smeek U door deze twee ü zoo dierbare panden, Jesus en Maria, en bezweer u, dat gij mij toch van alle onreinheid bewaart, en mij de genade verkrijgt Jesus en Maria met een zuiver lichaam en een rein lichaam, altoos kuisch te dienen.

GEBED OM DE DEUGD DER ZUIVERHEID.

//«k den IJ. Thomas van Aquino.

Lieve Jesus! ik weet, dat iedere volmaakte gaaf, en die der zuiverheid nog meer dan elke andere, van den alvermogendeu invloed Uwer voorzienigheid afhangt, en dat zonder O geen schepsel iets vermag. Hierom bid ik U, door Uwe genade, de zuiverheid, zoo in mijne ziel als in mijn lichaam, te bewaren. En, indien ik ooit eenigen indruk, die mijne zuiverheid en onschuld zou kunnen bevlek-

ocr page 320

312

ken, ontvangen mocht, verdrijf dien van mij. Gij, die de opperste Heer zijt van al mijne vermogens, opdat ik met een onbevlekt hart in Uwe liefde en dienst moge vooruitgaan, en mijzelve al de dagen mijns levens, op de allerzuiverste Altaren Uwer Godheid, zuiver offeren. Amen.

GEBED IN ZWARE BEKORINGEN.

Vau de H. Gertruda.

O Jesus, in vereeniging met de liefde, waarmede Gij U op het Kruis aan den Vader hebt bevolen, beveel ik mij thans aan U. Ik verberg mijn verbeelding en gedachte in de heilige Wonde van Uw liefdevol Hart, om mij tegen de listen mijner vijanden te beveiligen. Gij weet het, o dierbare Jesus, hoe zwak ik ben, en hoe geneigd tot zonde. Zonder den bijstand Uwer genade is het mij niet mogelijk zelfs een enkel uur U getrouw te blijven. Uit mij zeiven ben ik volkomen machteloos om aan de bekoringen wederstand te bieden. Ik smeek ü dus, om wille van de innige vereeniging Uwer heilige Mensch-heid met de aanbiddelijke Drieëenheid, vereenig mijnen wil zoo vast met den Uwen, dat het mij voortaan niet meer mogelijk zij tegen U op te staan. Ik beveel U ook alle ledematen van mijn lichaam in vereeniging

ocr page 321

313

met Uwe onschuldige ledematen. Geef, dat zij zich nimmer meer bewegen dan tot Uw glorie en uit liefde tot U. Amen.

GEBED IN GROOTE DROEFHEID.

Van den Gelukz. Henricus Suso.

Mijn Heer en mijn God, ik verlang met alle krachten van mijn ziel U alle wederwaardigheden en smarten op te offeren, die ik ooit im mijn leven te verduren heb gehad. Ik draag U op alle pijnen en droefheid van alle menschen, het lijden der gewonden en zieken, de zuchten der bedroefden, de tranen der ongelukkigen, de vernederingen der beleedigden, het gebrek der weduwen en weezen, den brandenden dorst en den honger der behoeftigen, alle boetplegingen en verstervingen Uwer vrienden, de pijnen en smarten door de rechtvaardigen in hun ziel ondergaan. O mocht alles wat ooit geleden is, of nog geleden zal worden steeds strekken tot lof en verheerlijking van Jesus Christus in alle eeuwigheid!

O Jesus, ik wenschte aan te vullen, wat er ontbrak aan de bedroefden, die hun voordeel niet hebben gedaan met hun lijden, en die Uw liefde niet erkend hebben door hun onderwerping en dankzegging voor hun lijden. Aanvaard hun smarten, o Heer, ter Uwer

14

ocr page 322

314

verlieerUjking en tot hun eigen tijdelijke en eeuwige vertroosting. Ach, laten zij naar U luisteren, die hun steeds toespreekt: //Ver-/'heugt u, mijne kinderen, en slaat de oogen //op Mij in uw kommer. Ik daalde uit de /'hemelen, en toch heb ik verlaten en arm //op aarde geleefd. Teeder waren mijne lede-//maten, en toch heb ik veel geleden. Ik //verliet de oneindige vreugde, en toch kende /'ik, in uw midden zijnde, niets anders dan //de smarten van het kruis. Welaan, mijne //moedige en onverwinbare strijders, weest «krachtig en onverschrokken!quot;

Ja, mijn Jesus, het is voor mij een onschatbaar voorrecht te mogen leven als Gij.

Zoo ik vrij was den weg naar den hemel te kiezen door rozen of door doornen, dan zou ik den laatsten de voorkeur dienen te geven. Want wie zou niet gelijk willen zijn aan den welbeminde zijner ziel? O, voegl u dan bij mij, gij allen, bedroefden, verongelijkten, ongelukkigen, gij allen, die lijdt, komt, laat ons een kroon vormen om onzen Verlosser. Laat ons het dorre hart wijd open zetten voor die levende bron aller genaden, gelijk een verdorde grond zich ontsluit om den verfrisschenden regen op te vangen! Juist onze dorheid, onze verlatenheid, onze smarten, onze kruisen zullen ons het recht geven om ons in Jesus' wonden te verber-

ocr page 323

315

gen. Ons bloed zal ons dat kostbare Bloed verwerven, waardoor elke smart gezuiverd en geheiligd wordt.

O Jesus, geef ons die genade. Amen.

GEBED IN GIIOOTE . VERLATENHEID, Van den Gelukz. Henr. Suso.

Mijn lieve Jesus. wat wilt Gij toch dat mij overkomt! Ach, waar toch blijft Uwe erbarming. Zooveel verdroeg ik reeds, en nog daagt Uwe hulp niet op. Ik dacht, dat Gij een teedere, een getrouwe Vader waart, en dat Gij niemand verlaat, die op U hun betrouwen stellen, en mij weigert gij alle hulp! Zoudt Gij dan voor mij alleen de schatten Uwer barmhartigheden niet willen ontsluiten? Zou Uw Goddelijk Hart, alom zoo geeerd als het teederste en getrouwste aller harten, mij verlaten hebben. Wal heb ik misdaan, dal Gij Uw lieflijk aanschijn en Uwe barmhartige blikken van mij afwendt! O blik van mijn God, o Hart van mijn Jesus, nooit, nooit kon ik denken, dat Gij U zoo van Uwe dienaren kondt afwenden! O kom, mijn God, kom uit de diepte van Uw eindelooze erbarming om Uw kind, dat gekweld wordt, te helpen.

OVEBGEVING AAN GODS HEILIGEN WIL.

Fan den H. Alphonsus.

O lief, o Goddelijk Kind, van den hemel

ocr page 324

316

nedergedaald, om U gansch aan mij te geven, waar kan ik op aarde en in den hemel naar verlangen en zoeken buiten U, mijn opperste goed, mijn eenige schat, het paradijs der ziel? Wees dus de eenige Meester mijns harten, bezit het ten volle: dat mijn hart slechts aan U gehoorzame, en alleen ü zoeke te behagen; dat mijne ziel slechts naar U verzuchte en geen ander erfdeel dan ü begeere! Dat anderen de goederen en rijkdommen dezer wereld zoeken en genieten, zoo zij buiten U eenig waar genot kunnen vinden: ik, voor mij, ik wil dat Gij alleen geheel mijn schat, mijn rijkdom, mijn vrede en mijn hoop zijt, in dit leven en in eeuwigheid! Ziehier dus mijn hart, ik geef het U geheel en al; het hoort voortaan mij niet meer, maar U. In de wereld komende hebt Gij Uwen wil geheel aan Uwen hemelschen Vader overgegeven volgens het woord der H. Schrift. In het begin van het beek Uwer raadsbesluiten is er van mij geschreven, dat ik Uwen wil zal volbrengen.quot; Dus draag ik U heden, o mijn Zaligmaker, mijnen geheelen wil op. Vroeger heeft die wil zich tegen U verzet en U beleedigd; maar nu het slecht gebruik dat ik er van gemaakt heb, uit den grond mijns harten beweenende, wijd ik hem U toe zonder eenig voorbehoud. Heer, zeg mij wat Gij van mij verlangt; ik ben bereid in alles

ocr page 325

317

Uwen wil te volbrengen. Beschik over mij en over alles wat mij toebehoort volgens Uw welbehagen; ik aanvaard alles, aan alles onderwerp ik mij. Ik weetj dat Gij niets wilt dan mijn grootste goed, ik stel dus mijne ziel geheel in Uwe handen. Help haar door Uwe barmhartigheid, bewaar haar, maak dat zij voor altijd en zonder voorbehoud aan ü zij, dewijl Gij haar ten koste van al Uw bloed heb vrijgekocht.

O Maria! help mij den wil Gods volbrengen.

GEBED OM DE GENADE VAN GODSVRUCHT.

III Boek der Navolging.

Mijn Heer en mijn God, Gij zijt al mijn goed, en wie beu ik, dat ik tot U durve spreken ? Ik ben Uw behoeftigste dienaar, een verachtelijke aardworm; behoeftiger en verachtelijker dan ik weet en vermag uit te spreken. Herinner U echter, o Heer, dat ik niets heb, niets ben, niets vermag. Gij alleen zijt goed, alleen rechtvaardig, alleen heilig. Gij vermoogt alles. Gij geeft alles. Gij vervult alles; den zondaar alleen laat Gij ledig. Wees Uwe barmhartigheden indachtig, o Heer, en vervul mijn hart met Uwe genade, Gij die niet wilt, dat Uwe schepselen ledig zijn. Hoe zal ik mij in dit ellendig

ocr page 326

318

leven staande houden, zoo Uwe barmhartigheid en genade mij niet vervullen. Keer dan Uw aanschijn niet van mij af, stel Uw bezoek niet uit, onttrek mij Uwe vertroosting niet, opdat mijne ziel niet worde voor U als eene dorre zandgrond. Kom, Heer, bezoek mij ! Leer mij Uwen wil, leer- mij waardig met U voor Uw aanschijn verkeerun, want Gij zijt mijn wijsheid. Gij, o God, kent mij naar waarheid, en hebt mij van voor alle eeuwen reeds gekend.

GEBED ALS MEN KOKTEN OP LANGEN TIJD IN ZONDEN GELEEFD HEEFT.

Van den H. Augustinns.

Ik heb U veel te laat gekend, o waarachtig licht; veel te laat heb ik U gekend. Er was een groote en duistere wolk voor de oogen mijner ijdelheid, zoodat ik de zon der rechtvaardigheid en het licht der waarheid niet zien kon. Ik wandelde in de duisternissen, daar ik een kind der duisternissen was; ja, ik beminde de duisternissen, want ik kende het licht niet. Ik was blind, en beminde de blindheid, en door de duisternis wandelde ik tot de duisternis. Wie heeft mij eruit geleid, toen ik in de duisternissen zat en in de schaduwen des doods? Wie heeft mij bij de hand genomen om mij daaruit te

ocr page 327

:U9

trekken ? Wie is hij, die mij verliclil heeft ? Ik zocht hem niet en hij zocht mij. Ik riep hem niet en hij riep mij. Wie is hij toch? Gij zijt het. Heer, mijn God, Gij, die barmhartig zijt en vol ontferming, de Vader der barmhartigheid en de God van alle vertroosting. Gij zijt het, dien ik belijd van gan-scher harte, en wiens Heiligen Naam ik loof. Ik riep U niet, en Gij ricpt mij. Gij riept met krachtige stem aan het geestelijk oor mijns harten : dat hel licht worde; en het werd lieht. En die groote wolk is verschoven, en de duistere wolk, welke mijne oogen bedekte is opgeklaard, en ik heb Uwe stem gehoord en erkend. Waarlijk, Heer, Gij zijt mijn God, die mij uit de duisternissen en uit de schaduwen des doods verlost, en mij tot het wonderbare licht Uwer kennis geroepen hebt. Ik zie den diepen afgrond, waarin ik gelegen heb; ik ben ontsteld en sta verbaasd, en ik zeg: Wee de duisternissen, waarin ik geweest ben ! Wee de blindheid, waardoor ik het licht des hemels niet zien kon 1 Wee mijne voorgaande onwetendheid, waardoor ik U, o Heer, niet kende ! Ik dank U, mijn licht en mijn Verlosser; ik dank U, omdat Gij mij verlicht hebt en ik U nu mag kennen. Wil mij steeds meer verlichten; opdat ik ü nog beter kenne, nog meer beminne, en niets anders beminnen dan U alleen, die voor mijne ziel

ocr page 328

320

alleen genoeg zijt, in wien zij hare rust en vermaak vindt, en door wiens bezit zij verzadigd zal worden in de eeuwigheid. Amen.

ANDER GEBED VAN EEN ROUWMOEDIGE.

Van den 11.

O Goddelijke Herder, die ontvlamd van liefde voor Uwe schapen, hebt willen lijden en sterven aan het kruis, verlaat mij niet gelijk ik het heb verdiend door mijne zonden. Ja, ik heb gezondigd, maar van dit oogenblik aan wil ik niet meer de zonde. Thans bemin ik U, mijn Jesus, boven alles. Daar grieft mij niets bitterder, dan de gedachte dat ik ü ooit zoo veracht heb. Dank, Jesus, dank, dat ik nog niet in de hel ben neergesiingerd, en dat Gij mij met zulk een geduld gewacht bebt. O welbeminde mijner ziel! Gij hadt U van mij af kannen keeren, en Gij hebt mij achtervolgd. Gij hebt zoolang aan de deur van mijn hart geklopt, met zulk een liefde tot mij geroepen en my als gedwongen ü te beminnen. Dank, Jesus, nogmaals mijn dank, maar voltooi thans, bid ik U, Uw werk. Verlicht mij; sterk mij, om mij los te rukken van alles, wat mij niet voert tot Uwe liefde. Voor dat ik U verliet, had ik Uw rechtmatige gramschap verdiend; maar nu ik U bemin, o God van mijn hart,

ocr page 329

321

nu smeek ik U, niet meer vertoornd op mij te zijn, en mij Uwe wederliefde te schenken. Nu schat ik het veel hooger door ü te worden bemind, dan door de geheele wereld. Dat allen mij met verachting aanzien, mits Gij slechts met liefde op mij neerblikt. Alle smarten wil ik verduren, zoo ik U slechts beminnen mag. Vereenig U met mij, en hecht U zoodanig aan mij, dat ik nimmer meer van U worde gescheiden. Neen Jesus, gedoog nooit meer, dat ik van üw Hart worde gerukt. Amen.

GEBED TOT UITBOETING ZIJNES ZONDEN.

Kan den H. Thomas van Aquine.

Tot ü, o mijn God, bron van alle barmhartigheid, nader ik, arme zondaar. Gewaardig U dan mij van mijne ongerechtigheden te zuiveren. Zon der rechtvaardigheid, schenk het licht aan een blinde! Eeuwige geneesheer, genees mijne wonden! Koning der koningen, bekleed mijne naaktheid! Middelaar tusschen God en de menschen, bewerk de verzoening voor een schuldige! Goede herder, voer een verdwaalde terug op den weg der waarheid! Schenk barmhartigheid, o mijn God, aan een ongelukkige, vergeving aan een zondaar, het leven aan een doode, de rechtvaardiging aan' een misdadiger, de zalving der genade aan een ongevoelige! Allergoedertierenste God, roe])

14*

ocr page 330

322

mij, als ik van U wegvlucht, tot € terug; trek mij, als ik weerstand bied aan Uwe genade, tot TJ ; richt mij op, als ik val; ondersteun mij als ik sta; wees mijn leidsman op den weg dien ik bewandel. Vergeet mij niet, als ik TJ vergeet; verlaat mij niet, als ik U verlaat; verwerp mij niet, als ik tegen U zondig. Door te zondigen immers heb ik U, o mijn God, beleedigd, den naaste gekwetst, mij zeiven niet gespaard. Ik heb gezondigd, o mijn God! Gezondigd heb ik door zwakheid tegen ü, almachtige Vader; door onwetendheid tegen U, eeuwige Zoon, die de wijsheid zijt; door opzettelijke boosheid tegen U, Heilige Geest, die de barmhartigheid zijt, en door dit alles heb ik U, allesovertreffende Drieëenheid, beleedigd. Wee mij, ongelukkige, hoevele en hoe groote zonden heb ik bedreven, welk kwaad heb ik begaan! U, Heer, heb ik verlaten; door eene verkeerde liefde geleid, beklaagde ik mij over Uwe goedheid; door eene valsche vrees gedreven verkoos ik liever U te verliezen, dan te ontberen wat ik zocht, liever ü te belee-digen, dan mij te onthouden, van hetgeen ik vreesde. Mijn God, wat al kwaad heb ik gedaan door woorden en door werken, door en in het geheim, èn in het openbaar, roekeloos te zondigen! Daarom smeek ik U, wil toch om mijne zwakheid geen acht slaan op mijne ongerechtigheden, maar wol op Uwe grenze-

ocr page 331

333

looze goedheid; vergeef mij goedertieren, wat ik misdeed; schenk mij droefheid over het verledene en eene heilzame, krachtdadige waakzaamheid voor de toekomst. Amen.

GEBED NA EENE H. COMMUNIE ZONDER VEEL GODS VB-TJ CHT.

Van de H. Gertrudis.

Mijn God, wees mij arme zondaar genadig. Lam Gods, toonbeeld van goedheid en zachtmoedigheid, ontferm ü mijner, en vergoed alles wat aan mijn gebed ontbroken heeft.

Heer Jesus, ik zou U zoo gaarne met vurigheid en zonder verstrooiing gebeden hebben. Helaas! zoo vele aardsche gedachten hebben mijn geest en mijn hart van U afgetrokken. Gewaardig U, o Heer, mijn gebed te zuiveren en te voltooien. Ik draag het U op in vereeniging met de liefde, welke U den dood des kruises heeft doen sterven, en op den dag Uwer Hemelvaart, alle verdiensten Uwer heilige Menschheid aan God Uw Vader heeft opgedragen. Amen.

HETZELFDE GEBED.

Van den U. Thomas van Aquino.

Vergeef mij, allerzoetste God, mijn erbarming, dat ik, onwaardige, mij verstout heb zonder schroom tot Uwe H. Geheimen te naderen, en Uw allerheiligst Lichaam en Bloed

ocr page 332

met zoo weinig godsvruclit en eerbied heb genuttigd. Ontsla mij, goedertieren God, van alle onachtzaamheden en verzuimenissen, welke ik gedurende deze heilige handeling mocht hebben begaan. 0 ik bid U, mijn Heer en God, vergeef mij alle onwaardigheid en gebrek aan godsvrucht, alle oneer en achteloosheid, alle ondankbaarheid en verstrooiing, waaraan ik mij bij het ontvangen van dit Allerheiligst Sacrament heb schuldig gemaakt; vergeving. Vader der barmhartigheden, vergeving in Dw eeuwige barmhartigheid. Amen.

GEBED OM VERSCHILLENDE GENADEN.

Van den II. Thomas.

Ik roep tot U, God van alle troost, die geen andere dan Uwe gaven in ons kent, opdat Gij mij na dit leven de kennis dor eerste waarheid schenkt, en het bezit Uwer goddelijke Majesteit. Geef ook aan mijn lichaam, edelmoedige Belooner, de schitterende sehoon-heid, de vlugge snelheid, de dooulringbare fijnheid, de krachtige onlijdbaarheid. Voeg bij deze gaven de overvloedige hemelsche rijkdommen, de tallooze onuitsprekelijke geneugten, alle met U vereenigde goederen, opdat ik boven mij kan genieten van Uwe vertroostingen, beneden mij van Uw verrukkelijk verblijf, in mij van de verheerlijking van

ocr page 333

325

mijn lichaam en ziel, neven mij van het aangenaam gezelschap der engelen en menschen. Schenk mijn verstand, o allergoedertierendste Vader, bij U het licht der wijsheid, mijn hart de vervulling van alle wenschen, mijn krachten de eeuwige zegepraal. Bij U immers bestaat geen gevaar of eentonigheid; alles is eensgezindheid, bekoorlijke lente, stralend zomerlicht, vruchtbare, herfst, zachte winterrust.

Verleen mij. Heer, het leven zonder dood, de vreugde zonder smart, daar, waar de hoogste vrijheid, de volmaaktste veiligheid, de ongestoorde rust, de onvermengde vreugde, de gelukzalige eeuwigheid, de eeuwige gelukzaligheid, de kennis en de lofprijzing der waarheid is. Amen.

GEBED OM GENEZING VAN EEN VERSTROOIDEN GEEST BIJ HET GEBED.

Van den H. Bernardus.

U mijn God, heb medelijden met mij, die U telkens nog meer vergramt, in plaats van mijn zonden en nalatigheden te verbeteren. Immers meestal ben ik onaandachtig in mijne gebeden. Ik bid met de lippen, wei is waar, maar mijn geest dwaalt nu eens naar hier, dan weder naar elders, en zoo verlies ik al de vruchten van mijn gebed. Mijn lichaam is

ocr page 334

326

wel in Uwe tegenwoordigheid, maar mijn kart is ver van U.

O mijn God, is het niet dwaas mij van U af te wenden, en al mijn aandacht te wijden aan ijdele en beuzelachtige zaken? 0 het is wel strafbaar, dat een verachtelijk, broos schepsel zich niet gewaardigt het oor te leenen aan den Schepper van alles, die afdaalt om zich met Hem te onderhouden. O onuitsprekelijke barmhartigheid Gods! Ofschoon wij iederen dag ons oor van Hem afwenden, en ons hart voor Hem wordt als steen, laat Hij niet af ons met medelijden te beschouwen, en te roepen aan ons oor, dat wij tot Hem moeten terugkeeren, en in aanmerking nemen, dat Hij de waarachtige God is!

Mijn God, spreek dan altoos in mijn gebed tot mij. Laat niet toe, dat ik U beleedige, door U iets te vragen, waarop ik zelf geen acht sla. Maar verleen mij door dit gebed altoos naar U te luisteren. Amen.

GEBED VAN PAUS CLEMENS XI.

Mijn God, ik geloof in ü, maar versterk mijn geloof; ik hoop op ü, maar bevestig mijne hoop; ik bemin Ü, maar verdubbel mijne liefde; ik ben bedroefd dat ik gezondigd heb; maar vermeerder mijn leedwezen.

Ik aanbid ü als mijn eerste begin, ik ver-

ocr page 335

327

lang naar Ü als naar mijn laatste einde, ik dank U als mijnen gedurigen weldoener, ik aanroep U als mijnen oppersten beschermer.

O mijn God! gewaardig U mij te bestieren door Uwe wijsheid, te bedwingen door Uwe rechtvaardigheid, te vertroosten door Uwe barmhartigheid, en te beschermen door Uwe almacht.

Om U volgens de beloften mijns doopsels toe te behooren, verzaak ik den duivel en zijne werken, de wereld en hare ij delheden, het vleesch en zijn begeerlijkheden, de ketterij en hare dwalingen.

Ik draag U op mijne gedachten, mijne woorden, mijne werken, mijne smarten, opdat ik voortaan aan U denke, van U spreke, voor U arbeide en om Uwentwil lijde.

Heer, ik wil hetgeen Gij wilt, omdat Gij het wilt, gelijk Gij het wilt, en voor zoo ver Gij het wilt.

Ik bid U, verlicht mijn verstand, ontsteek mijnen wil, zuiver mijn lichaam, en heilig mijne ziel.

Mijn God, wek mij op om mijne voorgaande misdaden te boeten, om aan de bekoringen te wederstaan, om mijne heerschende driften te verbeteren, en om de deugden waartoe ik verplicht ben te beoefenen.

Vervul mijn hart met teederheid voor Uwe goedheden, met afkeer van mijne gebreken.

ocr page 336

328

met ijver voor de zaligheid van mijn even-mensch, met versmading van de wereld.

Dat ik er naar streve onderdanig te zijn aan mijne oversten, goedertieren voor mijne onderdanen, getrouw aan mijne vrienden en genadig aan mijne vijanden.

Kom mij te hulp, om den lust der zinnen te overwinnen door versterving, de gehechtheid aan het aardsche door milddadigheid, de gramschap door zachtmoedigheid, de traagheid door vurige godsvrucht.

Mijn God, maak mij voorzichtig in mijne ondernemingen, kloekmoedig in de gevaren, geduldig in den tegenspoed, nederig in den voorspoed.

Laat mij nooit vergeten dat ik mijne gebeden moet doen met aandacht, spijs en drank gebruiken met matigheid, mij van mijne plichten kwijten met nauwkeurigheid, en mijne goede voornemens volbrengen met standvastigheid.

Heer, maak mij bezorgd om altijd een oprecht gemoed te behouden, eene uitwendige zedigheid, een stichtenden omgang en een regelmatig1 gedrag.

Dat ik zonder ophouden mij er op toelegge om de bedorven natuur te betoomen, de bewegingen der genade te volgen. Uwe wet te onderhouden en mijne zaligheid te bewerken.

Mijn God, doe mij zien de nietigheid van

ocr page 337

339

het aardsche, de waarde van den liemel, de kortheid van den tijd., den langen duur van de eeuwigheid.

Maak dat ik mij tot den dood bereide. Uw oordeel vreeze, de hel ontvluchte, den hemel bekome, door de verdiensten van Jesus Christus. Amen.

OP DEN VEEJAAB.DAG VAN HET ONTVANGEN DES H. DOOPSELS.

Naar den Eerh. Lud. van Grenada.

Mijn zoete en beminnelijke Verlosser, wat zal ik ü weergeven, in dankbetuiging voor de onuitsprekelijke groote weldaad der Verlossing. Als ik nog zoovele eeuwen leven kon als er verloopen zijn sedert de schepping; als ik zoovele levens had als alle menschen te zamen; als ik beschikken kon over alle goede werken, over alle verstervingen, over alle pijnen en moeielijkheden, over allen arbeid van alle menschen die er geweest zijn, die er zijn, en die er zullen zijn tot aan het einde der wereld, dan nog, ik gevoel het, dan nog zou ik onvermogend zijn om de minste der smarten te vergelden, welke Gij uit liefde voor mij verduurd hebt. Wat zal ik dan doen, o mijn God? O, ik beloof het U! van dezen oogenblik af zal de gedachtenis aan hetgeen ik ü verschuldigd ben, niet meer

ocr page 338

330

uit mijn geheugen gaan. Ach, ik bid en smeek U om de grootheid Uwer barmhartig-lieid, druk Uwe teekenen en wonden diep in mijn hart, dompel mijne ziel in Uw kostbaar Bloed, opdat mijne oogen, waarheen zij zich ook wenden, niets anders zien dan U, mijn Jesus, en Uw kruis; opdat ik de wonderbare uitwerkselen van Uw lijden nimmermeer vergete. Dat voortaan mijn eenige troost zij mei U gekruisigd te worden, mijne eenige droefheid aan iets anders dan aan U te denken. Mijn God, ach, wees den duren prijs indachtig, welken ik U gekost heb, en laat niet toe dat zoo rijk een losprijs te vergeefs betaald zij. Amen.

ANDER GEBED OP DENZELFDENquot; DAG EN VERNIEUWING DER DOOPBELOFTEN IN DE HANDEN VAN MARIA.

fan den Herb. Grignon de Montforl.

U Eeuwige, menschgeworden Wijsheid, o allerbeminnelijkste en aanbiddelijke Jesus, waarlijk God en waarlijk menseh, eenige Zoon van den Eeuwigen Vader en van Maria altoos Maagd, ik aanbid U diep in den luister van Uwen quot;Vader van af alle eeuwen, en in den schoot Uwer allerwaardigste Moeder in den tijd Uwer menschwording.

ocr page 339

331

Ik claiik U, dat Gij U om mijnentwilie liel)t vernietigd en de gedaante van een slaaf aangenomen, om mij uit de slavernij des duivels te bevrijden. Ik zegen en prijs U, omdat Gij U in alles hebt onderworpen aan Maria, Uwe lieilige Moeder, om mij door Haar Uwen getrouwen dienaar te maken. Dan belaas! ongelukkige, die ik ben, ik heb de beloften niet gehouden, ü zoo plechtig bij mijn H. Doopsel gedaan! Ik heb mijn verplichtingen niet vervuld! Ik verdien niet Uw kind. Uw slaaf te worden genoemd, on, daar er niets in mij is, dat Uw toorn en afschuw niet opwekt, durf ik het niet meer te wagen tot U te naderen. Ik ben verplicht mijn toevlucht tc nemen tot de allerheiligste Moeder, die Gij mij tot voorspraak bij U hebt geschonken. Door haar hoop ik nog van U vergiffenis mijner zonden te ontvangen, het bezit en het behoud der ware wijsheid.

Ik groet U dan, o onbevlekte Maagd, levende woontent der Godheid, waarin de Eeuwige Wijsheid door Engelen en menschen heeft willen aanbeden worden. Ik groet ü. Koningin van hemel en van aarde, aan wier voeten alles gesteld is wat aan God onderworpen is.

Ik groet U, o zekere toevlucht der zondaren, wier barmhartigheid voor niemand is uitgeput. Verhoor mijn verlangen naar de

ocr page 340

332

goddelijke Wijsheid, en neem daarom de beloften en de offerande aan die ik in mijn nietigheid U aan durf te bieden. Ik, N. N..., trouwelooze zondaar, ik hernieuw heden in Uwe handen de beloften, welke ik in mijn doopsel heb gedaan, en neem ze wederom op mij. Voor altoos verzaak ik aan den duivel. Voor altoos aan zijne werken. Voor altoos aan zijne ijdelheden. Ik schenk mij geheel aan Jesus Christus, de Vleeschgeworden Wijsheid, om in Zijn voetspoor mijn kruis te dragen, en om voortaan getrouwer te zijn dan ik tot nu geweest ben.

Ik kies ü heden, in tegenwoordigheid van geheel het hemelsch Hof, voor mijne Moeder en Beschermster. Ik stel mij in Uwe handen, als Uw dienaar, en wijd U toe mijn lichaam en mijn ziel, alles wat ik ben en alles wat ik bezit, en zelfs datgene wat ik verdiend heb, verdien of verdienen zal door mijne goede werken. Ik laat U een algeheele en volkomen beschikking over alles wat mij toebehoort, zonder het geringste voorbehoud, volgens Uw goedvinden, voor den tijd en voor de eeuwigheid.

Aanvaard, goedertierene Maagd, deze geringe offerande van Uw dienstknecht, ter eerc van en in vereeniging met de onderdanigheid, welke de Eeuwige Wijsheid aan U, Zijne Moeder heeft getoond. Aanvaard haar als

ocr page 341

333

hulde aan Uw beider macht over een ellen-digen aardworm, en een ongeiukkigen zondaar, zooals ik ben. Aanvaard haar als dankzegging voor de voorrechten door de H. Drievuldigheid U geschonken. Ik verklaar dat ik van dezen dag aan, als Uw ware dienaar Uw eer zal bevorderen, en U in alles gehoorzamen.

Bewonderenswaardige Moeder, toon mij als Uw eeuwigen dienaar aan Uw lieven Zoon, zoodat Hij na mij door U vrijgekocht te hebben, mij ook door U voortaan bezitte.

Moeder van barmhartigheid, verleen mij de ware wijsheid van God; stel mij onder het getal dergenen, welke Gij bemint, onderricht, geleidt, voedsel verschaft en beschermt als Uw kinderen en dienaren.

O trouwe Maagd, maak mij in alles zulk een trouw dienaar en navolger der Mensch-geworden Wijsheid, Jesns Christus, Uwen Zoon, dat ik door Hem, volgens Uw voorbeeld, tot de volheid kome van Zijn glorie in den hemel. Amen.

GEBED OM VOLHABDING IN GODS LIEFDE.

Van den Ëerb. Tattler.

O Vader van alle vertroosting, ik wenscli zoo krachtig in U bevestigd te worden, als Uw welbeminde Zoon krachtig bevestigd is geweest aan het Kruis. Hij heeft het niet

ocr page 342

33i

verlaten, vooraleer Hij mij geheel en al niet U heeft verzoend. O God, door zijne bovenmatige liefde, smeek ik U, mij altoos zoo sterk aan U te kunnen hechten, en in Uwe vereeniging met zooveel vastheid te volharden, dat ik niet meer in staat ben U nog tc verlaten, al zou de geheele wereld TJ afvallen. Dit vraag ik U ook voor allen, o mijn God, waarvoor ik de bizondere verplichting heb te bidden, en tevens voor alle anderen, hetzij levenden of dooden. Amen.

GEBED OM DE GENABE DEE EINDVOLHAUDÏNG.

Van den Gelukz. Henr. Suso.

In den naam Uwer liefde, o allerzoetste Jesus, blijf met mij in mijn droefheid, en hoor welwillend en met erbarmiag de kreet van mijn verlaten hart. Maak mijn wil in alles aan den Uwe gelijk. Blusoh in mij allen dorst naar tijdelijke kortstondige zaken en ontsteek daarentegen in myn wil een brandenden dorst naar geestelijke en hemelsohe. Dat de bittere teug gal en azijn, waarmede men U gelaafd heeft, mijne beproevingen verzoete en aangenaam doe worden. Verleen mij, mijn zinnen in te toornen, in het goede te volharden tot het einde toe, en mij nooit aan Uwe H. Wetten te onttrekken. Heden stel ik mijn ziel in Uwe doorboorde handen, als

ocr page 343

335

moest ik binnen eenige oogenblikken sterven, én ik smeek XJ dringend, goedertierenste Jesus, haar met goedheid en mededoogen te willen aanvaarden. Verzeker mijn ziel door Uwe genade een gelukkige overgang tot de eeuwigheid. Verleen aan mijn onwaardige werken, door Uwen droeven dood, zulk een kracht en verdienste, dat ik de wereld verlate vrij van alle zonden, vrij zelfs van schuld.

AANROEPING VAN HET DIERBAAR BLOED. fan de H. Catharina van Senen.

Ieder Katholiek gelooft en belijdt vastelijk bij het ontvangen der H, Communie niet alleen het He-lig Lichaam van den Zaligmaker te nuttigen, maar ook zijn Goddelijk Bloed te drinken. Velen echter wijden daaraan zelden of nooit hun aandacht. Toch zou znlks een nieuw middel zijn, om door afwisseling immer een vurige, levendige godsvrucht te onderhouden. Wij meenen dus de volgende verhevene aanroepingen, samengegaard uit de werken der H. Catharina, niet achterwege te mogen laten, en sporen alle godvruchtige zielen ten sterkste aan, deze gevoelens dikwerf na haar H. Communie ook in zich op te wekken.

Zoete Jesus, Jesus Liefde, ontferm U mijner. O Jesus, zacht Lam, die üw Bloed, uit alle ledematen üws Lichaams hebt gestort, ontferm ü mijner.

ocr page 344

336

O Bloed van het Goddelijke Lam, zuiver mij. | q j Verheerlijkt Bloed, waarin de ziel de waar- , ia heid des Vaders, wiens onuitsprekelijke q j liefde ons naar Zijn beeld en gelijkenis i1( geschapen heeft, kan leeren kennen, maak mij deelgenoot aan het opperste Goed.

O Bloed, dat de ziel brandt en verteert door q gj het vuur der goddelijke liefde, ontvlam ons. ^ zo O Bloed, door het vuur der liefde vergoten 00 om ons te overstroomen, bekleed ons met i q B dat vuur. j ne

O Bloed, afgrond van liefde, voer ons op in | q g] verrukking. j sc]

O Bloed, dat de ziel met hemelsche genade 5

vervult, stroom over ons. i jg

O eeuwig Bloed, in vereeniging met Gods \ q

natuur vergoddelijkt, herschep ons.

O Bloed, waardoor wij Gods wil over onsi ^er hebben leeren kennen, versterk ons. Iq jjj

O zoet Bloed, dat de zielen bekoort, maak 1 zei ons dronken. ' dg,

O Bloed, dat het leven geeft, en den Onzicht-iQ g bare zichtbaar maakt, verlicht ons. ' (,ej

O heerlijk Bloed, dat de ziel versterkt, haar j verlicht, en haar engelrein maakt, voer ons Iq ajj] op tot U. j scjj

O Bloed, waardoor alle slaafsche vrees ophoudt,! ver geef ons blijde zekerheid. jo gj(

O Bloed, dat de duisternissen der eigenliefde 1 .lrlc verdrijft en vernietigt, heilig ons. Iq g],

I IM

O B

ge

111 I -

i

1

P i ii

ocr page 345

337

O Bloed, dat ons ontsteekt in heilige verlangens, wek ons op.

O Bloed, dat dooden verrijzen doet, geef ons het leven weder.

O Bloed, doopsel der ziel, doe ons op nieuw geboren worden.

O Bloed, dat de kleinen voedt met de melk U wer zoetheid, de kleinen namelijk door oprechten ootmoed en oprechte zuiverheid, reinig ons.

O Bloed, dat den hoogmoed verplettert en de nederigheid in het hart legt, maak ons klein.

O Bloed, wiens gedachtenis de koude, onverschillige zielen warmte en licht wederbrengt, doe het ijs onzer harten smelten, en klaar de duisternis van onze oogen op.

O kostbaar Bloed, welks herinnering de Martelaren met liefde het hunne deed vergieten, ontsteek in ons Jesus liefde.

O Bloed, wiens kracht ons, gelijk Paulus, onzen roem doet zoeken in de beproevingen, doe ons alles versmaden wat vergankelijk is.

O Bloed, dat de ziel door U verzadigd en geheel van heilige verlangens ontstoken, gelukkig maakt, verzadig ons.

O Bloed, dat aan de ziel edelmoedigheid schenkt, en haar bevrijdt van alle ontbering, verrijk ons.

O Bloed, dat de hardheid in medelijden verandert, verteeder ons.

|0 Bloed, heilig bad der zielen, wasch ons.

T5

haar er ons -

ocr page 346

338

G Bloed, dat door Uw kracht alle onze onge-reehtiglieden uitwischt en vernietigt, reinig ons.

O Bloed, dat krachtig en moedig maakt in den strijd, doe ons overwinnen.

O Bloed, waardoor wij alle moeite en tegenstrijdigheid met een heilig geduld verdragen, ondersteun ons.

O Bloed, onze bijstand, dat schatten van barmhartigheid uitstort, help ons.

O Bloed, zekere waarborg van onze zaligheid, red ons.

O Bloed, dat het leven geeft, voed ons

O Bloed, dat de ziel, dorstig naar de eer van God en het heil der zielen, verzaadt, lesch onzen dorst.

ü Bloed, dat ons uit liefde tot den gekruis-ten Jesus alle beleedigingen doet lijden, liefhebben en verlangen, verzadig ons met lijden en liefde.

O zoel Bloed, dat, bij de herinnering aan U, al wat ons zoet is, bitter worde, en wat bitter is zoet.

O Bloed, dat ons sterkt en bemoedigt in alle wederwaardigheden, beziel ons.

O Bloed, onze vrede en troost, verheug ons.

O Bloed, zalf voor onze zonden, genees ons.

O Bloed, aangenaam geurend reukwerk, verkwik ons.

O Bloed, dat wij bezitten, en dat ons nie-

ocr page 347

339

mand zal ontnemen, als wij liet niet willen, bevestig ons.

O Bloed, waarmede wij onze voorhoofden willen teekenen, om niet door den engel des verderfs getroffen te worden, bescherm ons. O zoet Bloed, dat vereenigt wat verwijderd, bekleedt wat naakt, verzadigt wat verhongerd is, vervul al onze verlangens.

Vernietig u, mijn ziel, in het Bloed van den gekruisten Jesus, maak u dronken aan dit Bloed; verzadig u aan dit Bloed; bekleed u met dit Bloed; wandel in dit Bloed; betuig uw dankbaarheid door dit Bloed; doe de lauwheid door de warmte van dit Bloed verdwijnen; zucht over u in dit Bloed; groei op en versterk u in dit Bloed; leg zwakheid en verblinding af in het Bloed van dit onbevlekt Lam Dompel u in het Bloed van den gekruisten Jesus; verberg u in zijn allerzoetste wonden, en neem tot schild het kruis, v. ^Heer, red onze zielen,

B,. Die Gij door Uw dierbaar Bloed verlost hebt.

Almachtige, eeuwige God, die Uwen eeni-gen Zoon aan de wereld tot Verlosser geschonken hebt, en gewild hebt, dat Hij door

ocr page 348

340

Zijn Bloed Uw rechtvaardigheid verzoende, gewaardig U ons te verleenen, dat wij met zulk een godsvrucht de losprijs van ons eeuwig heil vereeren, dat wij door Zijn verdiensten bevrijd blijven van al de rampen in het tegenwoordige en de vreugde genieten van het eeuwige leven. Amen.

Dat het Bloed, hetwelk Gij voor mij vergoten hebt, o Heer Jesus Christus, mij de vergiffenis van al mijn zonden, nalatigheden en onwetendheid verkrijge. Dat het mijn Geloof, mijn Hoop, mijn Liefde, de genade en de deugd in mij vermeerdere. Dat het mijn leven behoede, om mij tot de gelukzalige eeuwigheid te doen geraken. Dat het de verlossing zij van de ziel van mijn vader, van mijn moeder, en van allen, voor wie ik verplicht ben te bidden. Amen.

ocr page 349

over de waardige voorbereiding tot de h. communie.

Van den Gelukz. Henricus Suso.

ziel. — Ik erken Uw liefde, goed-licid en grootheid in het allerheiligst Sacrament, o Goddelijke Wijsheid; maar daardoor ook begrijp ik, dat het mij ondoenlijk is om U waardig te ontvangen, als Gij het mij niet leert.

Jesus. — Nader tot mij met dien eerbied en die nederigheid, welke Mijne Godheid vereischt. Wanneer gij Mij bezit, vergeet dan nooit mijn tegenwoordigheid; zie op naar Mij, en behandel Mij als den geliefden Bruidegom welken uw hart zich verkoren heeft. Dat het verlangen naar deze hemelspijze u er veel-vuldiger aan deelachtig make. Een ziel, die mij een verblijf wil inrichten in een hart af-

ocr page 350

342

getrokken van de wereld, en de vertrouwelijke uitstortingen van Mijn Hart wenscht te genieten, moet zuiver zijn en geheel vrij van noodelooze en ijdele bekommernis. Zij moet aan zich zelve sterven, en aan al haar neigingen ; zij moot zich tooien met deugden, zich sieren met de roode rozen dor liefde, met de geurende viooltjes van een diepe nederigheid, met de schitterende leliën van een onbevlckbare zuiverheid. Zoo zult gij Mij een zachte en vredige rustplaats in uw hart bereiden : want, ftmiin woning is in den vrede.quot; {Ps. LXXV, 3).

Verlang naar Mij, vereenig u met Mij; maar laat Mij uw liefde onverdeeld bezitten. Ik schuw een aardsehgezinde ziel, even als de duif de valk ontvliedt. Zing Mij de gezangen van Sion, om Mijne wonderen van liefde in dit verheven Sacrament te vieren; en laat uw lofzang zijn een ontboezeming van de vurigste liefde. Van Mijn kant zal ik u teederheid om teederheid weergeven. Ik zal u een waren vrede doen genieten, een helderen blik om Mij te kennen, een onvermengde vreugde, een onuitsprekelijke zoetheid, een voorsmaak van de hemelsche zaligheid. Deze genaden behoud ik alleen Mijn vrienden voor; en in de dronkenmakende vreugde hunner inwendige gunsten, roepen zij Mij toe: «Waarlijk, Gij zijt een verborgen God!quot;

ocr page 351

3«

Ufi ziel. — Ach, wat ik ben te beklagen! Zoo menigmaal reeds heb ik die rozen geplukt, maar nooit zoete geuren ingeademd! zoo vaak heb ik te midden dier bloemen gewandeld, zonder haar te zien! Zoo vaak ben ik met kostbaren balsem gezalfd, maar er niet van doordrongen! Met een hemelschen dauw-ben ik besproeid geworden, en ik ben een dorre, onvruchtbare twijg gebleven. O mijn Jesus, beminnelijke Gast der reine zielen, hoe vaak hebt Gij ü aan mij geschonken, en heb ik mij aan ü geweigerd! Hoe vaak heb ik het Engelenbrood genuttigd zonder heiligen honger, zonder verlangen! Zoo er een Engel tot mij ware gekomen, hoe eerbiedig zou ik dien hebben ontvangen! En van den Koning der Koningen heb ik schier geen aanmerking genomen! O, hoe bitter beween ik hier, in Uwe tegenwoordiglieid, zoo lichtzinnig te zijn geweest, zoo koud, zoo onwetend, lichamelijk zoo één met ü en toch zoo verwijderd naar het hart!

Gij bezocht mij, en hieldt zo 3 teeder het oog op mij gericht! Maar ik was verstrooid. Ik dacht aan andere zaken, en ik had geen ontzach voor Uw opperste Majesteit! En toch verdiendet Gij wel, mijn Jesus, dat ik geheel aan ü was; Ü mijn hulde betoonde, ü mijn verlangens en mijn hart aanbood, dat ik mij uitstortte in betuigingen van liefde, in lof-

ocr page 352

344

prijzing en vurige dankzegging! Thans werp ik mij aan Uwe voeten, om mijn zonde en mijn verzuim te herstellen. In tegenwoordigheid van alle Engelen, die D in dit hoogwaardig Sacrament aanbidden, erken ik U voor mijn God, mijn Heer, de Eeuwige Wijsheid, het vleeschgeworden Woord, den aller-volmaaksten Mensch, die nu heerscht in de glorie. Ik smeek TJ medelijden te hebben met mijn verstrooiingen en gebrek aan eerbied. Mogen mijne tranen Uwe barmhartigheden bewegen; vergeet alle fouten, welke ik tegen het Sacrament Uwer liefde misdreven heb.

OVER HETZELDE ONDERWERP.

Fan den H. Franciscus van

Wij dienen noodzakelijk te weten, waaraan wij het te wijten hebben dat het H. Sacrament ons niet alle genaden schenkt, die het aan goed voorbereide zielen wel geeft. Dc oorzaak hiervan is onze voorbereiding. Onze eerste voorbereiding moet bestaan in een zuivere meening, d. i., dat wij de H. Communie verrichten uitsluitend om ons met God te vereenigen en Hem te behagen, zonder dat wij er eenig eigenbelang bij op het oog hebben. Dat zal b.v. geschieden, wanneer men U de H. Communie geweigerd heeft, of wanneer gij geen merkbare devotie hebt.

ocr page 353

:543

en desniettemin de vrede uwer ziel ongestoord blijft. Geeft gij daarentegen toe aan onrust, dan is dit een teeken, dat gij u zelf niet hecht aan God, maar aan de vertroostingen, wijl uw vereenigingen met God slechts dooide gehoorzaamheid kan geschieden.

Een tweede voorbereiding is de aandacht, dat wij namentlijk bezig zijn met de grootheid van de zaak, welke wij verrichten, en met datgene wat daartoe in ons vereischt wordt, zooals onder meer, eeii van liefde brandend hart. Daardoor meen ik niet, dat men geen verstrooidheid mag hebben. Dit is hier niet doenlijk; maar men zorge steeds er zich nooit vrijwillig mede bezig te houden.

De derde voorbereiding is de nederigheid, de zoo noodzakelijk vereisehte gesteltenis tot het ontvangen van de genaden, die ons door de kanalen der H.H. Sacramenten toevloeien, daar het water krachtiger en sneller stroomt, maarmate het kanaal op een meer afhellenden en naar beneden neigenden grond is aangebracht.

Buiten deze drievoudige voorbereiding is er nog eene, de voornaamste van allen: het algeheel overgeven van ons zeiven aan God, door al onze neigingen en onzen wil onvoorwaardelijk aan zijn opperheerschappij te onderwerpen. Ik zeg onvoorwaardelijk, daar wij zoo ongelukkig zijn, dat wij ons altoos wat voor-

15*

ocr page 354

346

behouden. Zelfs de godvruchtigsten behouden zich vaak nog voor den wil om deugden te hebben. Wanneer zij tot de H. Tafel naderen vragen zij: o Heer, ik geef mij geheel aan U over; doch geef mij de voorzichtigheid om goed te leven (aldus vergetende een zuivere meening te vragen). O God, ik ben heel onderworpen aan Uwen heiligen wil, maar geef mij den moed om veel buitengewoons te doen in Uwen dienst (van zachtmoedigheid om den vrede met den naasten te bewaren, geen sprake). Geef mij den ootmoed om anderen een goed voorbeeld te kunnen geven; (de ware nederigheid, die ons de vernedering doet liefhebben, schijnt niet van noode). Maar, mijn God, laat mij altoos vertroosting in het gebed smaken omdat ik U geheel toebehoor. — Ach, dit alles is niet vereischt om met God vereenigd te worden! Zoo zullen wij er nooit toe geraken, door onzen eigen wil niet af te leggen. Onze Heer wil, door zich geheel aan ons te geven, dat wij ons wederkeerig aan Hem schenken, opdat onze ziel zich te inniger met zijn goddelijke Majesteit kunne vereenigen en wij met waarheid het den grooten Heilige na kunnen zeggen: wik leef niet meer, maar Jesus Christus leeft in mij.quot;

Een andere voorbereiding is daarbij nog, dat wij ons hart ledig maken van alles, om

r

ocr page 355

347

het Jesus Christus geheel te doen bewonen. De groote oorzaak, waarom wij geen heiligen worden (hetgeen één H. Communie uit kan werken) is deze, dat wij Jesus niet zoo geheel in ons laten heerschen, als zijn goedheid dit zou wenschen. Als Hij in ons komt, vindt Hij onze harten vol van verlangens, neigingen en eigen wil. Dat zoekt Hij echter niet; Hij verlangt ledige harten om er als meester te heerschen. Om te toonen hoezeer hij dit verlangt, zegt Hij tot zijne bruid: «Plaats mij als een zegel op uw hart!quot; opdat er toch niets in kunne komen, wat Hij niet gedoogt. Nu weet ik wel, dat uw hart ledig is van doodzonde en slechte neiging; dan, helaas! ons hart heeft nog duizende plooien en hoeken, waarin zich zooveel verbergt, dat het aanschijn van zulk een meester onwaardig is, dat Hem als de handen bindt, wanneer Hij ons goed wil doen, en ons de genade mee wil deelen, welke Hij het goed voorbereide hart altoos geeft. Doen wij dan van onzen kant alles, wat in onze macht is om ons goed tot dit bovennatuurlijk Brood voor te bereiden, ons geheel aan de goddelijke Voorzienigheid overlatende, zoo voor het tijdelijke als voor het geestelijke, en in tegenwoordigheid van Zijn goddelijke goedheid al onze neigingen, wenschen en gehechtheden aan Zijn voeten nederleggende om, er Hem over te doen heer-

ocr page 356

348

sell en. Zoo zullen wij ons de vervulling Zijner beloften verzekeren en in Hem worden veranderd door onze geringheid zoo te verheffen, dat wij met Zijn grootheid vereenigd zijn.

over de genade van de h. communie en het veelvuldig naderen daartoe.

Van den Gelukz. Henricus

De ziel. — Leer mij kennen, dierbare Jesus, welke genade üwe tegenwoordigheid in de H. Communie aan mijn ziel schenkt.

Jesus. — Mijn kind is dat een vraag de ziel, die Mij bemint, waardig? Wat heb ik voor grooter genade dan Mij zelf? Wat blijft er nog te wenschen over, wanneer men met zijn welbeminde vereenigd is? En, wat kan men weigeren, na zich zelf te hebben geschonken? In dit H. Sacrament, geef ik Mij aan u, en ontneem u, als het ware, aan u. Gij vindt Mij en gij verliest u zelf om geheel in Mij veranderd te worden.

Antwoord mij, wat brengt de zachte adem der lente aan veld en tuin, nadat de vorst en de sneeuw, de noorderstorm en de koude daarover zijn gegaan ? Wat brengt de glans der sterren in de duisternis van den nacht ? Wat brengt de schittering der zon aan den onbewolkten hemel? Door Mijn komst ont-

ocr page 357

349

vangt de ziel die Mij mint, alle goed. Kun de zachtheid van de lente de zachtheid vnn Mijn verheerlijkt Lichaam evenaren? Overtreft Mijn Ziel niet in schittering de luister van alle sterren, en zoudt gij de schittering van duizende zonnen met de schittering Mijner Goddelijke Majesteit willen vergelijken? Antwoord mij.

De ziel. — Maar, mijn Jesus, ach ik bemerk zoo weinig van de zachtheid, waar Gij van spreekt. Ik blijf altoos even koud, even dor, even gevoelloos bij mijne H. Communiën. Ik ben een blindgeborene, nimmer zag ik nog Uwe schittering. Ach, ik wenschte merkbaarder teekenen en duidelijker bewijzen van üw verblijf in mijn hart!

Jesus. — Het geloof is des te verdienstelijker, naarmate het minder tracht in'tezien. Ik ben in Mijn H. Sacrament geen licht dat uitwendig schittert, en dat de zinnen aandoet. Ik ben grooter, naarmate ik meer inwendig en verborgen ben. Mijn kracht werkt onmerkbaar, mijn genaden worden niet gevoeld, en ik deel mijn gaven uit zonder het te laten zien of ondervinden. Ik ben het Brood des Levens voor den voorbereide, een nutteloos voedsel voor den lauwe, voor den zondaar een doodsteek in den tijd, en zijn verderf voor hiernamaals.

De ziel. — Uw woord. Heer, leert mij

ocr page 358

350

hoe moeielijk liet is zich waardig tot dit Sacrament voor te bereiden.

Jesus. — Nog nooit heeft een sterveling Mij op genoegzaam passende wijze ontvangen. Hadt gij al de heiligheid der Gelukzaligen en de zuiverheid der Engelen, dan zoudt gij die eer nog niet waardig zijn. Maar word daarom niet moedeloos. Doe slechts wat gij vermoogt. Ik vraag niets anders, en vul aan wat aan de zwakheid van den mensch ontbreekt. Een zieke moet alle vrees van zich zetten, en alleen gehoorzaam zijn aan de voorschriften van den geneesheer, tot dat hij de gezondheid weder terug bekomt.

De ziel. — Maar het is wellicht noodig. Heer, dat men uit eerbied en voorzichtigheid, minder veelvuldig tot Uw Heilig Sacrament nadert.

Jesus. — Voelt gij de genade in u vermeerderen, en het verlangen naar dit goddelijk voedsel grooter worden, dan moet gij meer tot de H. Tafel naderen. Meent gij ondanks uwe H. Communiën toch niet vooruit te gaan; gevoelt gij niets dan dorheid, koelheid, on-verfchilligheid, verontrust u daarom niet. Maar bereid u zoo goed voor als gij kunt, en laat de H. Communie niet na, daar gij meer verbeteren zult, naarmate gij meer met Mij ver-eenigd zult zijn. Beter is het met liefde te communiceeren, dan uit vrees er zich van te

ocr page 359

331

onthouden; en het heil der ziel is meer verzekerd in de eenvoud des geloofs, de dorheden en zielskwellingen, dan in de zoetheden ] en in de vertroostingen des geestes.

De ziel. — Mag de ziel zich dan niet onthouden uit vrees, en zich alleen bepalen tot de geestelijke Communie.

Jesus. — Zeg Mij, is het niet gelukkiger Mij en Mijn genade te ontvangen, dan Mijn genade alleen? Is bet niet beter, met Mijn genade ook Mijn waarachtige tegenwoordigheid te kunnen genieten?

over hetzelfde onderwerp.

Naar de H. Theresia.

De ziel. — Mijn Heer, wanneer ik de verhevenheid van dit Goddelijk voedsel beschouw, dan is het mij alsof dit het wezen zelf van den Vader is. Ik denk aan het woord van David, die, deze onvergelijkelijke gunst willende verheffen, uitriep: «De Heer voedt ons met het merg van het gebeente van God ; zeiven.quot;

Jesus. — Voorzeker, mijn kind, en daarom betuig ik u, dat deze weldaad grooter is dan ! toen ik mensch werd om u. In het geheim ; der Menschwording, heb ik alleen mijn Ziel en Lichaam goddelijk gemaakt, maar in dit H. Sacrament beoog ik alle menschen als te

ocr page 360

353

vergoddelijken. En daar nu geen voedsel beter geschikt voor den mensch is dan dat waaraan wij van onze kindsohheid af gewoon zijn, heb ik u, die uit God geboren zijt geworden dooide wateren des H. Doopsels, ook willen voeden met God zelf, opdat het voedsel geschikt zou zijn aan uwe verheven staat van kind Gods.

De ziel. — Maar, mijn Zaligmaker, ik begrijp slecht, hoe Gij, na I) met zooveel liefde in üw allerheiligst Sacrament gegeven te hebben, ons nog oplegt, op straffe van zonde, dat voedsel te ontvangen en te nuttigen. Gij weet toch dat velen U in staat van doodzonde ontvangen.

Jesus. — Dit is zoo, mijn kind. Maar weet gij dan niet, dat mijne liefde krachtig, oneindig is. Ik ben over alle beletselen heengegaan, om de liefde te genieten, waarmee mijne getrouwen zich met mij voeden. Daarom aarzel ik niet mij aan de beleedigingen mijner vijanden bloot te stellen.

Ook geef ik u toe dat mijn liefde in dit H. Sacrament, en mijne vindingrijkheid om Mij op deze wijze te kunnen geven, alle verstand te boven gaan. Ik wist dat men twee geheel verschillende zaken niet met elkander kan verbinden zonder een derde, dat haar beide aaneenhield. Toen ik Mij dus met den mensch wilde vereenigen, heb Ik een sterfelijk lichaam

ocr page 361

353

aangenomen, en door dat lichaam verbind ik Mij thans met u.

De ziel. — Heer, Uw liefde is onuitsprekelijk !

Jesus, — Ja, maar daarvoor vorder ik dan ook uwe dankbaarheid. En die dank moet hierin bestaan, dat uwe gedachte met Mij bezig zijn wanneer gij Mij ontvangt, dat gij naar Mij verlangt en streeft. Zoo gij dit doet moogt gij vrij dagelijks bidden tot Mijn Vader: Geef ons heden ons dagelijksch brood, namelijk het Brood van mijn Heilig Gastmaal.

Doch zoo gij het dan dagelijks nuttigt maak dan een bijzondere zorg van de zuiverheid uws harten. Eens door een mijner dienaressen gevraagd haar iederen dag tot Mij toe te laten, toonde ik haar een volkome reine bal van kristal: «zoodra gij zult zijn als dit kristal, zeide Ik haar, moogt gij Mij dagelijksch ontvangen.quot; Dit antwoord ik ook Ü.

De ziel. — O Jesus, leg Gij zelf het verlangen en de kracht in mijn hart om daartoe te geraken. Zie niet neer op de bittere teleurstellingen, die wij U hebben laten ondervinden in Uw dorst naar ons heil en geluk. Denk alleen aan de liefde waarmede gij ons voorkomt om onzen dorst en honger te stillen.

aaam

ocr page 362

354

f

over de godsvrucht bij de h. communie.

Boek der Naoolging, IVquot;, 15.

Jesus. — Mijn kind, zoo gij de gave der godsvrnclit wilt verkrijgen en behouden, dan dient gij er met ernst naar te zoeken, gretig er om aan te hoaden, haar geduldig en met vertrouwen af te wachten, met dankbaarheid aan te nemen, in ootmoed te bewaren, vlijtig er mede te arbeiden, en overigens geheel aan God den tijd en de wijze over te laten, wanneer en hoe het Hem zal believen u te bezoeken, tot dat Hij eindelijk komt.

Vooral moet gij ten tijde, dat gij in uw hart weinig of geen godsvrucht ontwaart, u voor God verootmoedigen; maar daarom behoort gij niet aanstoiids u te laten ootmoe-digen, of u daarover te zeer te bedroeven. God is vaak gewoon in één oogenblik te geven, wat Hij ons langen tijd onthield. En somtijds geeft Hij op het einde van het gebed, wat Hij bij den aanvang daarvan had uitgesteld.

Immers wierd u altoos de genade, waarom gij verzoekt, aanstonds gegeven, en kon men er steeds naar wensch over beschikken; waarlijk ik zou niet weten, of de zwakke mensch zulks wel zou kunnen dragen. Daarom is het voor u het best, dat gij de gave van godsvrucht met een vast vertrouwen, met oot

moed en gediia nog niet gege-reeds hadt, onjs de oorzaak daa-zonden. A'aak die de genade haar licht onttc kleinigheid, er-is te noemen, goed berooft, rings of iets doen dat belets geheel te overnz gegeven worde= Inderdaad, i— uw hart aan van uwen eige= begeeren, u v— stellen, of va= met Hem vere= den; overmits vinden, niets zal, als te be-— Wie dus, in e—— meaning in al! ten, en zijn weet los te : ongeregelde li wordt, is liet^s ontvangen, en

ocr page 363

355

moed en geduld afwacht. Wordt zij u dan nog niet gegeven, of zelfs, na dat gij die reeds hadt, ongemerkt weder ontnomen, wijt de oorzaak daarvan aan u zeiven en aan uwe zonden. Vaak is het maar eene kleine zaak, die de genade in hare werking hindert, en u haar licht onttrekt, zoo het ten minste eene kleinigheid, en niet eerder een groot kwaad is te noemen, hetgeen van zulk een groot goed berooft. Doch, het moge dan iets gerings of iets groots zijn, tracht uw best te doen dat beletsel uit den weg te ruimen, en geheel te overmeesteren. Dan zal u aanstonds gegeven worden, waarom gij hebt verzocht.

Inderdaad, nauwelijks zult gij u met geheel uw hart aan God overgeven, en, in plaats van uwen eigen zin of lust hier of daar in te begeeren, u volkomen ter zijner beschikking stellen, of van dat oogenblik aan zult gij u met Hem vereenigd, en alzoo in rust bevinden ; overmits gij in niets zoo veel smaak zult vinden, niets u zooveel genoegen verschaffen zal, als te berusten in den Goddelijken wil. Wie dus, in eenvoud des harten, geheel zijn mecning in alles tot God alleen weet te richten, en zijn hart van al lift geschapene zoo weet los te maken, dat het niet door eene ongeregelde liefde daarvoor of tegen bewogen wordt, is het best geschikt om genaden te ontvangen, en de gave der godsvrucht waardig.

ocr page 364

356

God zoekt naar ledige vaten, en waar Hij die vindt, stort Hij zijne zegeningen uit.

Hoe volkomener dus iemand zijn hart van het aardsche weet los te maken, hoe meer hij aan zichzelf door ware zelfverloochening sterft, hoe spoediger hij de genade zal bekomen, hoe dieper zij in hem door zal dringen, en hoe hooger hij zijn vrij en onbelemmerd hart Hemelwaarts zal verheffen. En dan zal hij vol verwondering het hoofd opbeuren, en zich op eens in overvloed bevinden. Dan zal zijn hart zich in hem van vreugde uitbreiden, omdat de hand des Heeren met hem is, in wiens handen hij zich nu geheel en al en voor altoos heeft overgegeven.

Zie, zoo zal hij gezegend worden, die den Heer van ganscher harte zoekt; zulk een heeft, volgens de uitdrukking des H. Geestes, zijne ziel niet ijdel ontvangen. Zulk een mensch, die zóó tot mijne Heilige Tafel nadert, heeft aanspraak op de buitengewone genade, dat God zich met hem op het nauwste vereenigt. Trouwens hij beoogt daarbij niet zoozeer zijn eigen godvruchtig gevoel en troost, dan wel de eer en lof van God, welken hij boven alle godvruchtig gevoel, boven alle eigen voldoening en troost, zoekt en verkiest.

OVBB

De allerli zijn wel c maar deze He wetei behoi liefde tot G geld men iemai God verza hardt schep derhs ieder sel ir eigen gedra daar hart

ocr page 365

357

OVER DE BELETSELEN DEE VRUCHTEN VAN DE H. COMMUNIE.

Van den Eerh. Taulerus.

De hinderpalen voor de genade van dit allerheiligste Sacrament zijn tweederlei. Het zijn onze gebreken en slechte gewoonten, of wel de fouten waarin wij, niet uit gewoonte, maar nu eens tegen gene, dan weder tegen deze deugd vallen.

Het eerste geschiedt b. v. wanneer men wetens en willens de liefde tot de schepselen behoudt, daarin zijn genoegen vindt, en die liefde niet ondergeschikt maakt aan de liefde tot God. Want telkens als men zoo ongeregeld in de schepselen zijn genot zoekt, doet men minstens een dagelijksche zonde. Zoo zal iemand liefde hebben tot een schepsel, door God hem verboden, en aan die liefde niet verzaken. Zoolang hij in die gesteltenis volhardt, bezit God zijn hart niet, maar het schepsel. God kan dus niet in hem wonen, derhalve ook niet werken. Daarom onderzoeke ieder zijn eigen hart, of er mogelijk een schepsel in verblijft. Wellicht is dit schepsel zijn eigen ik, of zijn vrienden, of zijn goed, of zijn gedragingen, of zijn eigen oefeningen. Zoo hij daar een ongeregeld genot in vindt, is zijn hart niet vrij.

ocr page 366

358

O hoe zijn deze menschen het groote, het ontzettelijk nadeel dei doodzonde nabij ? Voor zij het zelf bemerken, zijn zij er reeds in gevallen en gezonken! Wat deert het hun, dat zij Gods inwendigen troost moeten derven ? Zij stellen hun enkel genot in het schepsel, en leven aldus jaar in jaar uit uiterlijk godsdienstig; doch in een toestand, die hun heil of verwerping hoogst twijfelachtig maakt. Eerst op den grooten dag, wanneer vóór Gods vierschaar alles apenhaar zal worden, zullen zij den ongelukkigen staat van hun geweten kennen. Ach! waar zal God dan zijn? Thans vinden wij zoovele uitvluchten en voorwendsels? Ik moet genieten, dit en dat hehber, spreken zij, en daarin bevind ik mij wel. En zoo iemand hen daarover berispt, of hen beter wil onderrichten, voegen zij hem ioe, dat hij in dwaling verkeert. En allengs maken zij zich deze slechte gewoonte zoo eigen, dat zij er zelfs geen gewetenswroeging meer over hebben.

Mijn kind, dat zijn zeer groote en krachtige hinderpalen, als ware het met dikke muren omgeven, zoo weerhoudt zulk een hart Gods inwerking en genade, wat zij ook van den anderen kant in het werk stelt om die te ontvangen. Zoo veler harten als het geschapene vervult, zoovelen verstoeten de genade van God.

ocr page 367

359

Het tweede beletsel wordt dan gesteld, wanneer men b.v. wel alle ongeregelde neiging tot de schepselen — lietzij menschen, vrienden, of tijdelijke goederen — uit liefde Gods wil vaarwel zeggen, maar niet zoo behoedzaam en bezorgd is, als men wel diende te zijn, en daardoor overwonnen wordt nu eens door zijn hoogmoed of gramschap, dan weder door zijn traagheid, praatzucht, of dergelijke feilen. Valt men dan op zulk een wijze, dan gaat men zich allicht te buiten. Dus is ieder dezer fouten wellicht op zich zelf zwaarder, dan die welke uit bovengenoemde gewoonten voortkomen, zij stellen toch minder hinderpalen dan dezen, aangezien zij alleen bij toeval, uit onvoorzichtigheid en zwakheid, geschieden. Het is echter niet noodzakelijk, dat men zich daarom onthoudt van de H. Communie; want, als men leedwezen over deze fouten gevoelt, zondigt men daarmede niet, en kan men het verlorene daardoor weder terugverkrijgen.

Daar zijn ook eenige goede lieden, die bezield zijn met een onverstandige vrees. Als zij geen brandend liefdevuur in zich gevoelen, of geen bizondere werking in zich waarnemen, durven zij het niet te onderstaan tot de H. Tafel te naderen, al zijn zij zich van geen andere beletselen bewust. Ook dezen vorderen zeer weinig.

ocr page 368

360

Doch zij genieten liet allermeest de vruchten van dit H. Sacrament, wier meening geheel zuiver is, die alles aan Gods barmhartigheid overlaten en aan Zijn welbehagen, of Hij hen al dan niet aan zal nemen. En mogen zij dan al geen gevoelige godsvrucht hebben, zij laten niet na ter H. Tafel te gaan, doch bevelen zich, zoo in gebrek als in overvloed, met een vast vertrouwen aan God. Deze worden in God geboren, en God in hen. En al komt een hinderpaal in den weg, gelijk dit leven hier beneden eigen is, aanstonds werpen zij dat beletsel ter neer, en kwellen zich deswege niet met zielsangsten en scru-pulen. Zij beminnen God en richten op Hem hun meening. Zij letten niet op Zijn gaven, maar op Hem zeiven; zij ontvangen alles door Hem, en brengen dit weder tot Hem terug. In deze lieden werkt het H. Sacrament met wonderbare, verheven verlichtingen, en doet hen met grootere schreden vooruitgaan. Ondersteld, iemand nadert met zulk een vurigheid en ijver tot dit H. Sacrament. Zoo hij van te voren verdiend had die mate van glorie in den hemel te ontvangen, als het laatste Koor der Engelen geniet, dan zou hij door ééne H. Communie, aldus verricht, aanstonds verdiend hebben in het tweede te worden gesteld, zelfs in het derde of vierde. 'Ook zon hij zoo menigmaal tot de H. ïafel

ocr page 369

361

mogen naderen, dat liij weldra tot in het hoogste der Koeren, tot zelfs boven Cherubijnen en Serafijnen en alle engelen een plaats zou verwerven. Alhoewel, dit moet de menseh zich niet voorstellen ; hij mag geen andere bedoeling hebben dan Gods allenninnelijksten Wil en Glorie.

De wonderbare werking van dit verheven Sacrament in een rein hart, gaat alle verstand der Engelen te boven. Hoe zal men het kunnen begrijpen, dat de mensch boven zich zeiven en boven al wat menschelijk is verheven wordt, tot God opgevoerd en in den innigsten grond zijner ziel met Hem ver-eenigd ? En zoo liet geschiedt, dat zulk een mensch het Lichaam des Heeren niet werkelijk kan nuttigen, dan zal hij voor het minst dagelijks eenmaal de geestelijke Communie verrichten, hetzij onder de H. Mis, of buiten dien tijd, hetzij in ziekte, of op welke plaats en in welke omstandigheid ook.

Ach, wat zouden wij niet vermogen met God, d. i. in de kracht van God, zoo wij ons meer tot ons zelf konden keeren, en ingetogen de genade van God ontvangen. Alles zouden wij kunnen, en het rijk Gods zouden wij in ons zelf vinden. Hoe weinigen echter leggen zich daarop toe ! Zij keeren zich tot rle uiterlijke zaken, en schijnen alleen zorg cn hart te hebben voor ijdele, wereldsche

M;

'i ! Üi

li

JmU

16

ocr page 370

362

zaken. Gij, mijn kind, schuw zulke plaatsen en mensclien, en volg in alles den H. Wil van God. Er. mocht liet gebeuren, dat u deze H. Wil niet duidelijk is, ontvang dan van mij dezen raad. Wanneer gij te kiezen liebt tusschen twee zaken, waar gij niet van weet, aan welke de voorkeur te geven, zoo let op u zelf. En kies datgene voor het zekerste, wat uw natuur tegenstrijdig is. Want hoe minder gij u zelf zoekt, en hoe minder uw voldoening, hoe meer gij leven zult in God, en hoe meer gij zijn wil zult volbrengen.

Veel zouden wij hier nog kunnen bijvoegen over het allerheiligst Sacrament. Immers welke tong zal het kunnen uitspreken, hoeveel hemelsche zegeningen dit verschaft, hoeveel eer en glorie aan God, hoeveel vreugde en blijdschap aan de Heiligen, hoeveel geestelijken voortgang voor de mensehen, hoeveel genaden van bekeering aan de zondaars, en hoeveel lafenis en verlichting der zielen van liet vagevuur.

Men verhaalt, dat er eens een ziel uit het vagevuur in brandende vlammen verscheen aan een dienaar Gods. Deze openbaarde hem, dat zij die zware kwellingen alleen daarom te verduren had, wijl zij in haar sterfelijk l^ven zoo verzuimd had het H. Lichaam onzes

ocr page 371

363

Heeren te ontvangen. «Zoo gij,quot; dus voegde üij er bij,// zoo gij met godsvrucht voor mij het H. Sacrament ontvangt, zal ik uit deze vlammen verlost worden. De vriend Gods deed aldus, en den volgenden dag verscheen hem deze ziel andermaal, heerlijk en schitterend als een zon, bevrijd van alle hare ondragelijke pijnen. Één H. Communie had dit uitgewerkt, en haar het eeuwige leven geschonken.

Geve God, dat wij Hem immer waardig ontvangen, en tot zulk een ontvangen waardig mogen leven tot eer en glorie van Hem, die is gezegend in eeuwigheid.

OVEK DE OOGENBLIKKEN NA DE H. COMMÜNIE.

Fan den II. Franciscus de Sales.

Na de H. Communie behooren wij onze ziel met de heiligste gevoelens te voeden. Zoo kunnen wij, onder meer, in ons een gevoel van vrees verwekken, dat wij dezen hoogen Bezoeker zullen bedroeven en verliezen. Aldus deed David, toen hij sprak: no Heer verwijder u niet van mij!quot; En de leerlingen van Emmaus: no Heer, blijf met ons, want reeds valt de avond !quot; Een gevoel van vertrouwen en kracht, zooals David; //Ik zal niet vreezen. Heer, omdat Gij met mij zijt!quot; Van blijdschap met Sara, die, moedor geworden, uit-

H il

i l';

ocr page 372

364

riep: quot;Nu heeft God mij een groote vreugde geschonken, en wie het zal vernemen, zal er zich met mij over verheugen!quot; En waarlijk, de Engelen, zegt de H. Chrysostomus, juichen rondom dit H. Sacrament en hem die het ontvangt. Aldus verheugde zich de Bruid van het Hooglied : //Mijn welbeminde is aan mij, en ik aan Hem. Hij zal op mijn hart blijven; ik heb Hem gevonden, dien mijn ziel bemint! Ik zal Hem met vreugde bewaren!quot; Insgelijks kan men zich uitstorten in dankzegging met de woorden, welke God zelf tot Abraham richtte na het offer van Isaiic; want ook wij kunnen die nederig op onze beurt tot God den Vader richten, die ons Zijn eigen Zoon tot spijs heeft geschonken. //O Heer, omdat Gij mij deze genade bewezen hebt, zal ik D met eeuwige zegeningen zegenen, en zal mijne lofzangen tot U menigvuldig maken als de sterren aan den hemel!quot; Insgelijks kan men zijn besluiten maken met de woorden van Jacob, toen hij den heiligen ladder gezien had: //God zal mijn God zijn, en mijn versteend hart, vóór deze zoo verstokt, zal Hem tot verblijfplaats strekken.quot; Aldus kan men honderden heilige gevoelens door de H. Communie verwekken.

Ook is het zeer goed om alsdan de verbeelding te laten werken tot waardige viering van dezen onzen hoogen Gast. De beste wijze.

ocr page 373

363

waarop men dit verricht, is de voorstelling van de H. Maagd en van den H. Josepli. Hoeveel troost hebben deze heilige zielen niet gesmaakt, in de kindsheid van onzen Heer, toen Zij Hem op Hunne armen aan Hun reine Harten droegen. Hem liefkoosden, en Zijn teedere omhelzingen ontvingen. Bij deze herinnering kunnen wij ons verheugen, dat de H. Communie ons aan Hen gelijk maakt, ja, dat wij nog meer gemeten dan Zijn liefkozingen en omhelzingen. Stellen wij ons tevens voor, de vurigheid van de H. Maagd, Haar innige godsvrucht. Haar ootmoed. Haar vertrouwen, en Haar moed, bij het woord van den Aartsengel: //De H. Geest zal over ü afdalen, en de kracht des Allerhoogsten D overschaduwen, en daarom zal datgene, wat uit U geboren zal worden, de Zoon Gods genoemd worden: want bij God is niets onmogelijk.quot; Daar valt niet aan te twijfelen, of Haar allerreinst Hart opende zich geheel en al bij de zonnestralen dezer woorden; het verdiepte zich in zooveel zegening; en hoe meer Zij zag, dat God Haar Zijn Hart gaf door Zijn Zoon te schenken, hoe meer Zij zich ook aan God gaf. Toen smolt Haar Hart als weg van liefde en Zij riep uit: //Mijn ziel vloeide uit en versmolt toen Mijn Welbeminde tot Mij sprak!quot; In de H. Communie gebeurt ons een gelijke gunst. Geen Engel,

ocr page 374

366

TT

Jesus Christus zelf komt ons verzekeren, dat wij het eeuwig leven in Hem bezitten, en dat, zoo wij Hem beminnen, de H. Geest in ons zal komen om daar met den Vader te wonen.

Mijn God, • wat een zoetheid en vertroosting! Spreken wij dus met de H. Maagd: quot;Ziehier de dienstmaagd des Heeren; mij geschiede naar Uw Woord!quot; En welk woord? Het woord, dat van Zijn gewijde lippen is gekomen: «Wie Mijn Vleesch eet, en Mijn Bloed drinkt, blijft in Mij en Ik in hem. Hij, die Mij nuttigt, zal leven door Mij, voor Mij, in Mij, en zal in eeuwigheid niet sterven.quot; Daarom kan men ook na de H. Communie het Magnificat aanheffen, dien schoonen lofzang van Maria langzaam en met aandacht overwegende.

i

ocr page 375

EERE BOETE.

Jesus, onze God en Zaligmaker, oot-moedig voor Uwe voeten nedergeknield, vol geloof in Uwe wezenlijke tegenwoordigheid in dit Heilig Sacrament, doen wij LI plechtig eereboete voor al den smaad, door den mensch U in dit liefdegeheim aangedaan.

Aanbiddelijke Zaligmaker, Gij biedt ons hier Uw goddelijk Hart, nog brandende van die liefde en overvloeiend van die barmhartige goedertierenheid, welke ü voor ons geslachtofferd heeft. Ja, wij gelooven lïfet, het is datzelfde Hart, dat onze ellende zoo levendig gevoeld heeft, dat zoo innig bedroefd is geweest over onze zonden, dat zoo zeer naar ons heil heeft verzucht. O goddelijke Zaligmaker, hoe duur hebt Gij ons gekocht! Tot welken prijs, door welken arbeid, door welke smarten hebt Gij onze zielen verlost!

ocr page 376

368

Zoo de wereld U nu ten minste niet ondankbaar ware dan acb! Zij houdt niet op, de afscliilwelijkheden te hernieuwen, welke Gij op Golgotha hebt ondergaan. Eiken dag verscheurt men andermaal Uw goddelijk Hart. Men durft Uwe wezenlijke tegenwoordigheid in deze verhevene geheimenis loochenen. En meer nog. Hoe heeft men tsgen U gewoed! Wat al gruwelijke aanslagen hebben de verblinden op Uw Heilig Lichaam gepleegd! Uwe heiligdommen zijn gesloopt. Uwe altaren verbrijzeld, Uwe bedienaars om het leven gebracht; en, o gruwel van verwoesting, zelfs de H. Hostiën heiligschennend behandeld, en misdadig onder de voeten vertreden !

O Jesus, voor ieder onzer in het bijzonder hebt Gij die grievende beleedigingen ontvangen. Gij hebt dit voorzien bij het laatste avondmaal, waar Gij U tcch, uit liefde tot ons, vrijwillig aan wildet onderwerpen. Welke levendige en liefdevolle dankbaarheid mocht Gij dus niet van ons verwachten? Maar helaas. Gij ontvangt van onzen kant nog gevoeliger beleedigingen. Uwe kinderen schijnen met Uw vijanden samen te spannen, om de maat hunner gruweldaden en Uwer droefheid te vervullen... Oneerbiedigheden in de heilige plaatsen, ongevoeligheid voor de onuitspreke-lijkste der weldaden, ontheiliging van de heiligste der geheimenissen, herinnering van

den Judf tholi

1 . 0 zich

men

tend

sche

nen

verb

; verr:

van

verli U n tigin waar

WOOÏ

^ voor • ootre om i stelL

de n welk diert te bi niën geloc liefdi Tc

ocr page 377

369

den rampzaligen aanslag van den eerloozen Judas, voor niets hiervan schrikken wij, katholieken, terug.

O liefde! liefde versmaad door hen, die zich Uwe aanbidders en Uwe vrienden noemen ! Wat zullen wij doen om deze ontzettende onwaardigheden te herstellen ? x\ch, schenk ons bloedige tranen om ze te bewee-nen ! Aanvaard, aanbiddelijke Jcsus, met onze verbrijzelde harten, al wat wij voortaan zullen verrichten, als zoo vele werken en oefeningen van eerherstel aan Uw aanbiddelijk Hart.

Wij zullen U dikwijls bezoeken, om Uwe verlatenheid te herstellen. Wij zullen voor U niet verschijnen, dan in diepe zelfvernietiging, om de oneerbiedigheden te herstellen, waarmede men zoo menigwerf in Uwe tegenwoordigheid verschijnt. Wij zullen steeds voor U staan met gevoelens van geloof, van ootmoed, van eerbied en een heilig ontzach, om de ergernissen en goddeloosheden te herstellen in Uw heilig huis bedreven. En om de misbruiken en afschuwelijke ontheiligingen, welke men tegen Uw Heilig Lichaam en Uw dierbaar Bloed begaat, te herstellen en uit te boeten, zullen wij trachten onze Communiën altoos heilig, vurig, met het levendigste geloof, den diepsten ootmoed en de vurigste liefde Uwe Majesteit op te dragen.

Toch, dierbare Jesus, al wat wij U kunnen

i pSijS]

,

.

mder ont-

-atste j e tot /•elke : locht Maar

:«

16*

ocr page 378

370

nanbieden, is niets bij lietgene Gij waardig zijt en wat wij wenschen ü aan te bieden. Vereenigt U dan met ons, hemelsche Geesten, Heiligen des hemels, rechtvaardigen der aarde, en gij vooral. Allerheiligste Maagd Maria, vereenigt U met ons, om aan dien vergramd en God, aan dat beleedigd Hart, reine hulde, en eerherstel Zijner waardig aan te bieden.

Heer, dat op dezen dag, üwe barmhartigheid, door onze tranen bewogen, den wreken-den arm Uwer gerechtigheid tegenhoude. Hoor ons klagen, wees gevoelig voor onze rampen en doe ze ophouden. Open ons Uw Hart. Ontvang het onze : wij dragen het ü geheel op, en wijden het U toe. O goddelijke Middelaar! verzoen ons met üwen Vader, geef ons Zijne barmhartigheden en Zijne liefde weder, zoodat wij onophoudelijk herhalen :

O Heilig Hart van Jesus, wees gekend, geloofd, bemind en aangebeden door alle schepselen, in het heelal, nu en in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

^itaiiie uait (jd jfeilig Sarniitffitt»

Heer, ontferm U onzer.

Christus, ontferm U onzer.

ocr page 379

371

Heer, ontferm ü onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God, Hemelsche Vader, ontferm ü onzer. God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm onzer.

God, heilige Geest, ontferm U onzer. Heilige Drievuldigheid, een God, ontferm onzer.

Levend Brood, uit den hemel neergedaald.

Eeuwig Woord Gods, mensch geworden en

onder ons wonende.

Verborgen God, schuilende onder zichtbare gedaante.

Bewonderenswaardig geheim van ons H. Geloof,

Allerhoogwaardigst en levendmakend Sacrament,

Tarwe der uitverkorenen.

Wijn, die maagden voortbrengt.

Spijs der Engelen,

Uitnemend teeken der goddelijke liefde. Geestelijke spijs onzer zielen.

Krachtig voedsel waardoor wij in deugden

aangroeien.

Allerkrachtigst hulpmiddel, waardoor onze verloren krachten en genaden hernieuwd worden.

Sterk schild tegen alle bekoringen.

ill

ocr page 380

372

Geestelijk geneesmiddel voor alle zonden

en krankheden,

Onuitputtelijke scliat van genaden.

Heilig Sacrament, waardoor de Geest van

Jesus ons medegedeeld wordt,

Waaraolitig Lam zonder vlek,

Goede Herder, die Uw leven voor Uwe

schapen hebt gegeven.

Goedhartige Vader, die Uwe kinderen mot

Uw heilig Lichaam en Bloed spijst. Opperpriester, die U zeiven nog dagelijks ^ in het Sacrificie der Mis voor ons aan y Uwen Vader opdraagt, g

Goddelijke offerande, waardoor wij dage- ^ lijks belijden, dat wij U in alles willen onderdanig zijn, =

Heilige offerande, waardoor wij God voor g

al zijne weldaden bedanken,

Welbrhagende offerande, waardoor wij de goddelijke 'genade verzoeken en overvloedig verkrijgen.

Offerande van verzoening voor levenden

en dooden.

Allerheiligste gedachtenis van het lijden

van onzen Heer Jesus Christus,

Teerspijs en versterking van hen, die in

den Heer sterven,

Wees genadig, spaar ons. Heer.

Wees genadig, verhoor ons. Heer.

Van de begeerlijkheid der oogen,verlosons,Heer.

ocr page 381

373

quot;Van de begeerlijkheid des vleesclies^ Van de hoovaardij des levens,

Van het onwaardig nuttigen Uws Lichaams en Bloeds,

Van alle ketterij, doling en ongeloovigheid

des harten.

Van alle oneerbiedigheid en achteloosheid

tegenover dit heilig Sacrament,

Van alle gebreken en zonden, die de vruchten van dit heilig Sacrament beletten en verminderen.

Door de onmetelijke liefde, waarmede Gij

dit heilig Sacrament hebt ingesteld. Door de onuitsprekelijke goedheid, waarmede Gij ons tot het nuttigen van Uw heilig Lichaam en Bloed, uitnoodigt. Door Uw dierbaar Bloed, dat in het sacrificie der Mis voor ons wordt opgedragen. Wij zondaren, wij bidden U, verhoor ons. Dat het U behage het geloof, den eerbied, en de godsvrucht tot het heilig Sacrament in ons te vermeerderen.

Dat wij ons mogen waardig maken, dikwijls deze geestelijke spijs te nuttigen. Dat Gij ons mild deelachtig wilt maken aan al de geestelijke vruchten van dit heilig Sacrament,

Dat wij door het nuttigen vaii Uw heilig Lichaam en Bloed mogen blijven in ü en Gij in ons.

W

ocr page 382

:474

Dat wij U mogen navolgen in ootmoedigheid en zachtmoedigheid, en in alle andere deugden, wij bidden U, verhoor ons. Dat wij alle boosheid en wereldsche genegenheden verlatende, altijd in matigheid, rechtvaardigheid en godsvrucht mogen leven, wij bidden U, verhoor ons.

Dat Gij ons in de ure des doods met deze hemelsche teerspijs wilt versterken, wij bidden U, verhoor ons.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der

wereld, spaar ons. Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden dei-

wereld, verhoor ons. Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der

wereld, ontferm ü onzer.

Christus, hoor ons.

Oliristus, verhoor ons.

Onze Vader, enz.

v. Brood hebt Gij ons uit den hemel gegeven. r. Het Brood der Engelen wordt door den mensch genuttigd.

gebed.

O God, die ons door dit bewonderenswaardig Sacrament, de gedachtenis van Uw lijden hebt nagelaten, geef ons, bidden wij, dat wij de heilige mysteriën van üw vleesch en Bloed zoo eerbiedig eeren, (en godvruchtig nuttigen)

ocr page 383

375

dat wij de vruchten van Uwe verlossing onophoudelijk in ons mogen waarnemen; die, God zijnde, leeft en heerscht met God den Vader, in de eenheid des heiligen Geestes, door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Lofprijzing van den Herb. Lud. van Grenada.

O wonderbaar Geheim, Hoogheilig Sacrament, hoe zal ik U waardig loven? Gij zijt het leven onzer zielen, het geneesmiddel onzer kwalen, onze troost in droefenis. Gij zijt dc gedachtenis van onzen Heer, het zegel Zijner Liefde, de schoonste lelie van Zijn testament. Gij zijt onze reisgezel op den pelgrimstocht, onze vreugd in dit ballingsoord. Gij zijt de bron aller genade, het onderpand der toekomstige heerlijkheid, de schat der Christenen. Gij vereenigt de ziel met haren Bruidegom, verlicht het verstand, versterkt het geheugen, wekt den wil op, vervult het hart met zoetheid, vermeerdert de godsvrucht. Door U ontspringen bronnen van heilige droefheid, worden hartstochten gestild, goede voornemens opgewekt, zwakheden weggenomen. Gij schenkt ons wederom meed en geleidt ons veilig tot den berg Gods.

Wie zal Uw verhevenheid waardig verkondigen? Wie U naar de volle waarde voor Uw tallooze goedheden danken? Wie smelt niet

ocr page 384

376

weg in tranen bij de gedachte, dat een God zich met onze ziel vereenigt! Onze taal is waarlijk te arm en ons verstand te nietig om zooveel grootsche wonderen waardig weg te geven.

Goede, hemelsche Jesus, Gij overstelpt werkelijk met genadeblijken van zaligheid allen, die U in Uw Sacrament ontvangen. Gij ontrukt hen aan de aardsche ijdelheden, aan de bedriegelijke genoegens dezer wereld.

O liefdevol Hart van mijn Jesus, Goddelijk Licht, open de geestelijke oogen Uwer ge-loovigen. Laat de heldere stralen,van een levendig Geloof hen beschijnen, om U te leeren kennen. Ontsteek in hun harten een heilige begeerte om U te ontvangen. Onderwijs en onderricht ze, opdat zij U slechts blijven zoeken, opdat zij hun rust uitsluitend in U mogen vinden, opdat zij zich alleen en onverdeeld aan U hechten, gelijk de ledematen met het hoofd zijn vereenigd, gelijk de ranken van den wijnstok leven, opdat zij voortaan enkel door U bestaan, met wien zij eenmaal in alle eeuwen der eeuwen de geneugten Uwer genade zullen smaken. Amen.

LOFZANG TEU EEUE DEK H. MAAGD.

Zie Blad:. 156.

GEBED TOT DEN II. JOSEPH.

Zie Bladz. 183.

ocr page 385

877

ONDEE DEK ZEGEN.

v. Hemelbrood hebt Gij ons gegeven. R. Engelenbrood wordt door den mensch genuttigd.

O God, die ons in dit bewonderenswaardig Sacrament, de gedachtenis var. Uw lijden hebt nagelaten, geef ons, bidden wij, dat wij de heilige mysteriën van Uw Vleesch en Bloed zoo eerbiedig eeren en godvruchtig nuttigen, dat wij de vruchten van Uwe verlossing onophoudelijk in ons mogen waarnemen; die. God zijnde, leeft en heerscht met God den Vader, in de eenheid des heiligen Geestes, door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

ocr page 386

eerste dag.

Heer, onnaspeurlijk in Uwe wegen, eeuwige God en allerbeminnelijkste Vader, in wien ik geloof, op wien ik hoop, en dien ik uit geheel mijn hart boven alles bemin, in Uwe goddelijke tegenwoordigheid neergeknield, aanbid ik U, zegen U, en bied U mij 11 lof om Uw onuitsprekelijk wezen, om Uwe oneindige volmaaktheden, en omdat Gij U immer bewonderenswaardig toont in Uwe Heiligen. Eer, lofprijzing en glorie zij U toegebracht, wijl Gij U gewaardigd hebt onder Uwe andere schepselen Uwe getrouwe en geliefde Bruid, de zalige Imelda, te verkiezen tot

voorbeeld van Christus in he verborgen, liel

Ik smeek L en dour de \ mijn God en mijner zonden dezer Noveen, vrucht bij de mijner kwalen, wandel, en de ik sterve als 2 met haar eeuw

gebed om vquot; e

O zalige Ie maakt toonbci dienen, trouwe onzen Heer E zijne Heilige

1) Men zou ziE altoos met devot stig verlangen z= christelijk leven gebeden de navcz gen, vervullen w— ken een der zek» -bij onze H. Cont=

ocr page 387

379

voorbeeld van allen, die Uwen Zoon Jesus Christus in Let hoogheerlijk Altaar-Sacrament verborgen, liefhebben.

Ik smeek U door hare machtige voorspraak en dour de verdiensten van Jesus Christus, mijn God en Verlosser, mij de vergiffenis mijner zonden te verleenen; tevens, als vrucht dezer Noveen, de genade der innige godsvrucht bij de H. Communie, de genezing mijner kwalen, de verbetering van mijn levenswandel, en de navolging harer deugden, opdat ik sterve als zij, in Uwe heilige liefde, en U met haar eeuwig in den hemel lofzinge. Amen.

GEBED OU VOLKOMEN AAN DB GENADE TE] BEANTWOORDEN. 1)

O zalige Imelda, mijn Patrones en volmaakt toonbeeld van allen die God willen dienen, trouwe Bruid van het onbevlekte Lam, onzen Heer Jesus Christus, nieuw licht in zijne Heilige Kerk, en glorie der Orde van

i) Men zou zich deerlijk misleiden, wanneer men altoos met devotie wil communiceeren, en geen ernstig verlangen zou hebben om de deugden van het christelijk leven te beoefenen. Door derhalve in deze gebeden de navolging van Imelda's deugden te vragen, vervullen wij een eerste voorwaarde, en gebruiken een der zekerste middelen om A'are godsvrucht bij onze H. Communiën te bekomen.

ocr page 388

380

den H. Dominicus, ik betuig u mijn innige godsvrucht en toegenegenheid. Getrokken door den zoeten geur uwer uitnemende heiligheid, neem ik tot u mijn toevlucht, tot u, die immer onbesmet de schoone onschuld des doopsels in uwe ziel hebt bewaard; tot u, die immer zoo getrouw Gods inspraken hebt beantwoord, en zoo stipt zijn geboden hebt onderhouden. Vurig wensch ik hierin uw heilig voorbeeld na te volgen, en daardoor mij uwe machtige voorbede bij den Allerhoogste waardig te maken. Verkrijg mij, bid ik u, nimmer aan zijn genade weerstand te bieden, er steeds volkomen aan te beantwoorden, haar inspraken in niets te verwaarloozen, en altoos nauwkeurig Gods geboden te onderhouden Eindelijk verkrijg mij de genade van altoos waardige, heilige Communiën te doen, van even als gij, heilig te sterven, en eenmaal met u in den hemel onzen Heer en God te aanschouwen en te genieten in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Zalige Imelda, om uw liefde Daalde Jesus in uw ziel!

O ! dat ook in mijn koud harte Een liefdevonkje nederviel!

Onze Vader... Wees gegroet... Eere zijden Vader.

ocr page 389

381

In het groot geheim der liefde

Mocht Gij vroeg uw blikken slaan, Eli, verteerd door liefdevlammen. Jeugdig nog tot Jesus gaan !

Onze Vader... Vees gegroet... He-re zij den Vader...

Als een Seraf, aan Zijn Harle

Zocht gij 't leven voor dees tijd. De dood gewerd u... maar Zijn liefde Leeft in u voor de eeuwigheid ! Ome Vader... Wees gegroet... Here zij den Kader...

GEBED.

O Heer Jesus Christus, die gezegd hebt, dat Uw wellust is met de kinderen der menschen te zijn, gij hebt dit getoond in uwe jeugdige Bruid Imelda. Gij liet niet toe dat eenig schepsel U weerhield om haar Dw liefde-Sacrament te schenken. Daarom kwaamt Gij zelf op wonderdadige wijze tot haar, maaktet haar van de banden dezer aar do los, en plaatstet haar over in de hemelsche gelukzaligheid, waar niemand haar nog van Uw Goddelijk Hart vermag te scheiden. Wij bidden U ootmoedig, door het behagen dat Gij in deze rune ziel gesteld hebt, telkens bij het nuttigen van Uw aanbiddelijk Lichaam en Goddelijk Bloed, die gevoelens en die gesteltenissen te hebben, waardoor zij U zoo behaagd heeft, opdat wij

ocr page 390

383

eenmaal deelachtig worden aan de zalige genietingen Uwer liefde en de eeuwige lieer-lijkheid. Amen.

O beminnelijke Maagd en Moeder Gods Maria, lieve Vrouwe van den allerlieiligsten Rozenkrans, door de vreugde, die Gij gesmaakt hebt op den dag, waarop Uw beminde Zoon U onze lieve Patrones Imelda aan zijn Hart toonde, wij bidden U, verkrijg ons de genade van immer, als zij, waardig en heilig tot Zijn goddelijke Tafel te naderen. Breng de arme zondaars tot inkeer, verkrijg kracht voor de stervenden en voor de zielen des Vagevuurs de eeuwige rust. Amen.

^ttanie «au de xamp;elu^itlirif jimelik

Heer, ontferm U onzer. g

Christus, ontferm U onzer. ; '_l

Heer, ontferm D onzer. , g;

Christus, hoor ons. : -5

Christus, verhoor ons. ; JS

God hemelsche Vader, ontferm U onzer. -H

God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U j O onzer.

God H. Geest, ontferm U onzer. H. Drievuldigheid, één God, ontferm U onzer. H. Maria, bid voor ons.

ocr page 391

383

H. Moeder Gods,

H. Maagd der maagden.

Gelukzalige Imelda,

^ Maagd der orde van den H. Domi- g

2 nicus, f1-| Patrones der Priesters in de H. Mis, o ,-1 Patrones der waardige eerste H. Gom- ° g, munie, o quot;i Patrones der vurige godsvrucht aan ?•

de Tafel des Heeren,

Schat van hemelsche genaden,

O Roos bij den dageraad ontloken. Gelukzalige Imelda, teergeliefd kind van Maria, bid voor ons.

Beminde Bruid van Jesus Christus, Vurige vereerster ven het H. Altaar-Sacrament,

^ Serafijn aun den voet der altaren,

3 Slachtoffer der Goddelijke liefde,

g Kostbare parel van zuiverheid, to

1-1 Versmaadster der wereld. ol

_tE Arme navolgster van den armen Jesus, g -3 Die aan de genade zoo getrouw hebt ° Jlt; beantwoord, o

— Volmaakt voorbeeld van gehoorzaam- S ^ heid.

Onthecht aan alle wereldsche voldoeningen.

Toonbeeld van versterving,

Nederige dienstmaagd des Heeren,

ocr page 392

384

Gelukzalige Imelda, spiegel van geduld in de beproevingen des levens.

Vervuld van liefde tot uwe naasten, 2 Roem en vreugd der orde van den ^ = H. Dominieus,

^ Die zoo vroeg de wereld verlaten hebt, ^ amp; om alleen Jesus aan te hangen, § quot;i Die immer de stichting waart van ^ -2 uwe medezusters, g

-3 Die zoo goed de verhevenheid beseft - hebt van het hoogheilig Altaar-Sacrament,

Gelukzalige Imelda, die van liefde gestorven zijt, toen gij voor het eerst Uwen Godde-lijken Bruidegom ontvingt, bid voor ons. Opdat wij door uwe voorspraak steeds in Gods liefde mogen toenemen. Gelukzalige Imelda, bid voor ons.

Opdat wij immer de wezenlijke tegen- O woordigheid van Jesus in het H. Sa- £~ crament op hoogen prijs stellen, fT

Opdat wij ook in anderen een vurige gods- „ vrucht tot dit H. Sacrament opwekken, | Opdat wij altijd met de innigste veree-ring de Goddelijke Geheimen der H. Mis met den Priester vieren, g:

Opdat wij even waardig als Gij to

H. Tafel naderen.

Opdat wij nimmer een heiligschennem.

zelfs geen lauwe H. Communie doen,

ocr page 393

Opdat wij steeds meer en meer vrucht uit onze H. Communiën trekken. Gelukzalige Imelda, bid voor ons.

Opdat wij niet sterven, zonder de H. Communie als Teerspijs te hebben ontvangen. Gelukzalige Imelda, bid voor ons. Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, spaar ons. Heer.

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, verboor ons. Heer.

Lam Gods, dat de zonden der weréld wegneemt, ontferm U onzer.

v. Bid voor ons. Gelukzalige Imelda, b. Opdat wij waardig worden der beloften van Christus.

GEBED.

Heer Jesus Christus, die de Gelukzalige Maagd Imelda door het brandend vuur Uwer liefde gewond en op wonderbare wijze met het H. Altaar-geheim versterkt, in den Hemel hebt opgenomen, geef ons door hare voorbede steeds met een zelfde vurige liefde tot de H. Tafel te naderen, opdat wij verlangen ont-' jte worden en verdienen met U te

■ § ) lie leeft en regeert door alle eeuwen - „.juwen. Amen.

17

ocr page 394

386

TWEEDE DAG.

O Heer, onnaspeurlijk,.. Als op blz. 378.

Gebed om de deugd der onderwerping.

O Gelukzalige Imelda, allergehoorzaamst kind, en mijne veelgeliefde zuster, gij zijt met recht de waardige dochter van den God der majesteit. Gij hebt het oor geneigd tot de zoete stem zijner Goddelijke ingevingen. Gij hebt Hem immer gehoorzaamd, door in alles zijnen Goddelijken wil te volbrengen. Gij hebt uw eigen wil verzaakt door dien in alles en altoos met den wil van God te vereenigen. Door deze bewonderenswaardige gelijkvormigheid van wil, bereiktet Gij een hooge volmaaktheid. Gij ontvingt daardoor de kracht u te onderwerpen aan het oordeel van uw oversten en uwen biechtvader, zoodat gij, bij de zware beproeving van het Brood der Engelen te moeten ontberen, ondanks uw vurig verlangen om Jesus in uw hart te ontvangen, u altoos tevreden en opgeruimd hebt getoond.

Ik bid u, mij te verkrijgen, u hierin na te volgen, opdat deze deugd mij helpe om altoos een goede H. Communie te doen; dan zal ik, na in alles en altijd zijn H. Wil op aarde

ocr page 395

387

gevolgd te hebben, dien eens met u in den ' hemel volmaakter volbrengen. Amen.

* Hierna bidt men den lofzang (blz. 380) en herhaalt alle andere gebeden van den eersten dag tot en met de Litanie, hetgeen men ook de overige dagen opvolgt.

DERDE DAG.

Gebed om den geest van onthechting aan het aardsohe.

0 beminnelijke en hoogvereerde Imelda, getrouwe navolgster van Jesus Christus, uit liefde tot Hem verzaaktet Gij aan alles, en volgdet Hem zoo volmaakt in armoede des geestes, dat Gij buiten Hem niets verlang-det, niets bezat. Daardoor hebt Gij verdiend zijne uitverkorene Bruid te worden. Door uwe vrijwillige armoede werdt Gij verrijkt met den overvloed zijner gaven, en bevoorrecht door zijne zoetste zegeningen en voortreffelijkste genaden. Ik smeek u mijne voorspraak bij den Almachtige te zijn, opdat Hij mij de bizondere gunst verleene, die ik Hem in deze Noveen vraag, van telkens met meer godsvrucht tot zijne H. Tafel te naderen. Smeek Hem daarom, bid ik u, dat Hij in mijn hart alle verkeerde gehechtheid aan het aardsche doe sterven, opdat ik, na in mijn leven Hem alleen en boven alles bemind te hebben, het geluk verwerve in zijne vriend-

ocr page 396

S88

schap en genade te sterven, om Hem in alle eeuwigheid te loven en te zegenen. Amen.

VIERDE DAG.

Gebed om deugd van zuiverheid.

O allerzuiverste en kuische Maagd, mijne Voorspreekster, gelukzalige Imelda, door uwe engelachtige reinheid tot waardige Bruid van het onbevlekte Lam verkoren; levende tempel en woonplaats van den H. Geest, Gij waart eene maagdelijke aarde, die, door den dauw der Goddelijke genade gedrenkt, overvloedige vruchten van heiligheid en boetvaardigheid voortbracht. O schitterende ster der Orde van den H. Dominicus, in welke de geest van uwen H. Vader zoo uitblonk, ik bid u door deze deugd en door alle anderen, die Gij zoo volmaakt beoefend hebt, door al de genaden, waarmede uw Goddelijke Bruidegom U heeft gesierd, verkrijg voor mij van Jesus de vergiffenis mijner zonden, eene onschendbare zuiverheid, de overwinning over al de bekoringen tegen deze deugd. Hoe reiner ik leef, hoe meer ik Jesus met het oog des geloofs in het allerheiligste Sacrament zal zien, en hoe meer ik er de waarde van zal beselfen. En hoe godvruchtiger ik tot de H. Tafel nader, hoe reiner mijn leven zal zijn. Vraag dus voor mij de genade, die ik Hem

ocr page 397

»80

in deze Noveen verzoek, opdut ik na een heilig en zuiver leven den dood der rechtvaardigen sterve, en mijn Jesus met u eeuwig lofprijze in den Hemel. Amen.

VIJFDE DAG.

Gebed om den geed van boetvaardiyheid en versterving.

0 boetvaardige en alleronschuldigste Beschermster, Gelukzalige Imelda, levend voorbeeld van alle deugden, die ondanks uwe wonderbare onschuld in strenge boetvaardigheid geleefd hebt, en die in uw maagdelijk lichaam de versterving van uwen lijdenden Bruidegom Jesus Christus hebt nagevolgd door uwe zware boctplegingen; verkrijg voor mij van God den waren geest van versterving, die mij helpt mijne driften te bedwingen, en mijne ziel geschikt maakt voor hemelsche zaken. Vraag, bid ik u, dat Hij mij door deze Noveen de gunst verleene van altoos zoo waardig mogelijk mijne H. Communiën te mogen doen, en dit door steeds gedurende mijn leven waardige vruchten van boetvaardigheid voort te brengen, opdat ik Zijne Goddelijke tegenwoordigheid in den Hemel eeuwig moge genieten. Anjen,

ocr page 398

890

ZESDE DAG.

Gebed om de deugd van nederigheid.

O mijne nederige en macht'ge Patrones, Gelukzalige Imelda, gij hebt tij eens uw leven een overrijke scliat van heiligheid verborgen onder eene buitengewone nederigheid. Gij waart een gesloten bloemhof, heerlijk geurend door de goddelijke vrucht iii die gij in liet binnenste van uw hart verbergen hieldt, een overvloeiende bron van de levende wateren der genaden. Gij waart dooi deze deugd gelijk aan het mosterdzaad van het Evangelie, want uwe nederigheid verdiende, dat de Almachtige groote dingen in u uitwerkte door u op eene wonderbare wijze to'; het verblijf der Gelukzaligen op te voeren. Ik smeek u dringend voor mij van God te verkrijgen mij bij elke H. Communie diep voor God te kunnen vernederen, wijl Hij niet anders van mij verlangt, dan een nederig en vermorzeld hart. Verkrijg mij dus de nederigheid des harten, en alle genaden, die Hij aan de nederigen beloofd beeft. Dan zal ik na met Hem mij vernederd te hebben op aarde, ook met Hem eeuwig heersehen in den hemel. Amen,

ocr page 399

391

ZEVENDE DAG.

Gebed om geduld en gelatenheid in de heproevuigen

Geduldige en zachtmoedige Voorspreekster, Gelukzalige Imelda, gij waart een voorbeeld van bewonderenswaardige gelatenheid in de harde beproeving, die gij hebt ondergaan. Immers ondanks uw vurige verlangens om Jesus in uw hart te ontvangen, mocht gij u niet met uwen Goddelijken Bruidegom vereenigen. Maar gij leedt zonder uwen mond tot een klacht te openen, en volgdet hierin den koninklijken Profeet en Jesus zeiven na. Door de groote volmaaktheid van dit geduld, waardoor de inwendige vrede uwer ziel nooit verstoord is geweest, door dit zichtbaar uitwerksel van de volmaakte vereeniging van uwen wil met dien van uwen goeden Jesus, smeek ik u mij van God de genade dezer Noveen te verkrijgen van bij mijn H. Communiën telkens meer mijn geluk te gevoelen. Bid ook voor mij af geduld in tegenspoed, onderwerping aan zijnen H. Wil bij alle wederwaardigheden des levens, en eindelijk een zalig sterfuur om Hem eeuwig in de gelukzaligheid te bezitten. Amen,

ocr page 400

393

ACHTSTK DAG.

Gebed om de liefde tot den namlen.

Mijne machtige en beminde Patrones, Gelukzalige Imelda, volmaakt voorbeeld van de teederste en heldhaftigste naastenliefde, reeds van uwe prille jeugd, toen gij nog niet kondt spreken, toondet gij dit medelijden voor de armen, waardoor Gij later de troosteres der bedrukten, de hulp der ellendigen, de toevlucht der behoeftigen werdt. Ik smeek u vurig, voor mij van God te verkrijgen eene liefde aan de uwe gelijk, eene beproefde liefde, eene onuitputtelijke liefde, die door niets verstoord, door niets vermoeid, door niets tegengehouden wordt, eene liefde, die medelijden heeft met alle ongelukkigen en die, haren oorsprong in het Hart van Jesus Christus nemende, zich over alle menschen uitstrekt, opdat ik hen allen moge beminnen gelijk mij zelf uit liefde tot God. Geef, dat ik de goeden beminne, opdat zij volmaakter worden, de zondaren, opdat zij zich bekeeren en leven, kortom, eene liefde zoo als Jesus wil en verlangt, goedaardig, geduldig, niet afgunstig, niet vermetel, zonder hoogmoed, zonder eerzucht, die zich zelve niet zoekt, die niet gram wordt, die geen kwaad denkt, die zjch niet over de ongerechtigheid verblijdt.

ocr page 401

maar zich verheugt over de waarheid, die alles verdraagt, alles gelooft, alles hoopt, alles lijdt. Bid God, mij te verleenen van altoos zoo waardig als Gij, tot de H. Tafel te naderen, om voortdurend in zijn genade en liefde aan te groeien, in zijn liefde van deze wereld te scheiden, en in zijn liefde eeuwig gelukkig te zijn. Amen.

NEGENDE DAG.

Gehed om eene vurige liefde tot God.

Vurige Minnares van uwen God, Gelukzalige Imelda, waardige Bruid van het Onbevlekte Lam, dat de zonden der wereld wegneemt; heilig verblijf, waarin Gods Geest met zijne dierbaarste gaven woont; bemind en bevoorrecht door God; onder duizenden uitverkoren om een voorwerp van Gods welbehagen te zijn; geheiligd vuur der goddelijke liefde, dat elke ziel ontvlamt, die godvruchtig uw gelukkig afsterven overweegt; ik, de nietigste van allen, die u vereeren, ik stel mij nu en voor altijd onder uwe beminnelijke bescherming. Ik bid u, gelukzalige Imelda, mij de quot;gunst te verwerven, die ik door u in deze Noveen van God heb. afgesmeekt, van immer in vurigheid tot Jesus in Zijn H. Altaar-Sacrament aan te wassen. Verkrijg mij dus, u in alle deugden na te volgen, waardoor Gij

ocr page 402

394

voor de eerste maal reeds zulk een waardige H. Communie hebt gedaan, maar inzonderlieid in uwe brandende liefde tot Jesus! Dat ik Hem beminne! Dat ik Hem vurig beminne! Dat ik Hem boven alles beminne! Uit geheel mijn hart, uit geheel mijn ziel, uit al mijne krachten! Weldra zal Hij zich weder aan mij tot voedsel geven. Dan schenkt Hij zich aan mij zonder eenig voorbehoud. O, dat ook ik mij aan Hem zonder eenig voorbehoud schenke! Aan Hem van af dit uur! Aan Hem voor altijd! In het leven, in den dood, voor den tijd, voor de eeuwigheid. En al kan ik dan ook niet even als gij in Zijne armen, aan Zijn Hart sterven, dat ik dan ten minste geheel mijn leven tot Zijnen dienst besteede, en van liefde tot Hem brande. Dat dit dan, beminde Imelda, de bizon dere vrucht zij van de vereering, welke ik u in deze Noveen getoond heb en immer toonen zal. Dat deze H. Communie nu voor mij het begin zij van een heilig leven, om mij steeds onder uwe bescherming tot mijnen naderenden dood voor te bereiden; opdat ik bij mijn sterven, ontvlamd van liefde tot God uit deze ballingschap tot het Vaderland moge overgaan, waar ik Hem zal zien en zegenen in alle eeuwigheid. Amen.

ocr page 403

VOOBBEREIDING.

Van den Gelukz. Henricm Suso.

heilig Kruis, Roem der wereld, wees gegroet! Gegroet o hemelsche Boom liet eeuwige leven, waaraan de vrucht der goddelijke Wijsheid gerijpt is. O kostbare en hemelsche Boom, wees mijn kracht in dit kortstondig leven, en laat mij U altoos eeren en zegenen, tot ik Uw vruchten van leven en onsterfelijkheid geniet in den hemel. Amen.

O wie geeft mij tranen om het innig ziele-leed te beschreien van mijne geliefde Moeder Maria! Reine Vrouw, edele Koningin van hemel en aarde, ontroer mijn versteend hart door een dier heete tranen, welke Gij over den bitteren nood van uw Kind gestort hebt, opdat ook ik Hem beweene; want uw leed is zoo, dat niemand het begrijpt, die er zelf niet door bewogen is. Beweeg dus mijn Hart, uitverkoren Vrouw, en leer mij, wat er op dezen droevieen tocht in Uw gemoed is om-

ocr page 404

gegaan. Tot voldoening van mijn zonden, tot

bekeering der zondaren, tot verlossing der J

geloovige zielen in liet vagevuur, draag ik q,

door uwe handen Jesus deze oefening op. ]

l. statie. het i

Jesus wordt ter dood veroordeeld. der^'

Wij aanbidden en loven u, Christus. kruis

Omdat Gij door Uw Kruis de wereld hebt moet

verlost. u fq

Overdenk, o mijn ziel, Jesus' onderwerping sterv

bij het onrechtvaardig doodvonnis; uwe zon- j^c)1

den zijn daarvan de oorzaak. Werp u aan ^ j

zijne voeten, en zeg hem: It

Minnelijke Jesus, hoe groot is Uwe liefde! die c

Voor mij wilt Gij veroordeeld worden tot mijm

zulk een schandelijken dood. Ach, die liefde Geef

moest mijn versteendheid ontroeren, en mij om

in tranen doen smelten. Heer, ik verfoei de diens zonden, welke IJ dit onrechtvaardig vonnis veroorzaakt hebben. Ik vraag er vergiffenis over, en op dezen kruisweg zal ik niet op-

houden die te beweenen en te zeggen: Mijn Ov

Jesus, barmhartigheid! door

Onze Vader, enz. Wees gegroet, enz. Glorie een

zij den Vader, enz. Ontferm u onzer. Heer, wreei

ontferm u onzer. God, wees mij, armen zon- optre

daar, genadig. bank

* Dit slot met dezen aanhef herhaalt men bij iedere ■ een quot;

statie. i /.on (li

ocr page 405

3lt;.)7

II. STATIE.

Jesus neemt het Kruis Of zijne schouders.

Overdenk, o ziel, met welke liefde Jesus dit Kruis omhelst; Hij groet het. Hij drukt het aan zijn hart, brengt het aan zijn lippen, besproeit het met zijn tranen, draagt het zonder schaamte. En gij, zondaar, gij weigert het kruis van boetvaardigheid te dragen, dat u moet leiden tot de glorie; gemakzucht houdt u tegen in de beoefening der christelijke versterving, zoo noodzakelijk voor uwe zaligheid ? Ach, zeg nu eindelijk eens uit geheel uw hart tot Jesus:

Ik ben de misdadiger, minnelijke Jesus, die dit Kruis moest dragen. O Kruis, vrucht mijner zonden, ik ontvang u met open armen. Geef mij, minnelijke Zaligmaker, de kracht, om het met liefde te dragen, en er de verdiensten van te ontvangen in de glorie.

III. STATIE.

Jesus «alt ten eersten male onder het Kruis.

Overweeg, mijne ziel, hoe Jesus, afgemat door het zwaar hout des kruises, daaronder een eerste maal bezwijkt. Ach! zie hoe de wreede beulen Hem mishandelen, met geweld optrekken. Maar Jesus, als een lam ter slachtbank geleid, verdraagt alles geduldig, zonder een woord tegen te zeggen, üw menigvuldige zonden, uw onverdnldigheden en uw geest

ocr page 406

898

van verzet hebben den last van Jesus' Kruis

verzwaard. Vraag er vergiffenis over, en zeg: Sim

Zij eeuwig geloofd, minnelijke Zaligmaker, 2

die, om mij te ontlasten en de straf der jeg

zonden van mij weg te nemen, gevallen zijt we]

onder het Kruis. Ik beloof nimmermeer te afg( hervallen in mijne onverduldigheden, of in

mijn spijtige woorden; doch mocht ik door jjjq,

menschelijke krankheid daar weder in her- ejn(

vallen, geef mij de kracht aanstonds weder ^wi

op te staan. Amen. (3yr

iv. statie. kru

tgr

■Jesus ontmoet zijn heilige Moeder. ^

Overweeg, mijn ziel, welke smarten Jesus' jy

Hart hier folteren, en welk zwaard van droef- j,ru

heid het hart van Maria doorvlijmt. Zij lijden, zen(

zij gevoelen elkanders droefheid zonder eenige (jjgj

vertroosting; de smart der moeder verdubbelt on(j

de pijnen des Zoons. Zie hoe uw gebrek aan yan

naastenliefde de beul is van deze twee zoete, i3em

allerheiligste Harten. Ach, erken dit, en zeg: van

Allerzachtmoedigste Jesus, prent in mijn hart het teeder medelijden, door U gevoeld

bij deze droeve ontmoeting. Geef mij mede- quot; lijden met het leed van mijn naasten, opdat

ik, door steeds zijn smarten als de mijnen aan O te zien, onder de bescherming van U we lieve aang

Moeder, in het uur des doods door U met ook

medelijden worde behandeld. Amen. uit

ocr page 407

891)

V. STATIE.

Simon van Cyrene helpt Jesus het Kruis drayen.

Aanschouw hier, mijn ziel, uwen lieven Jesus, het eeuwig Woord des Vaders, door welk alles uit het niet geschapen is, geheel afgebeuld en uitgeput, onbekwaam nog verder dit zware kruis te dragen. Niemand heeft den moed Hem eenige hulp te bieden, tot dat eindelijk de soldaten Simon van Cyrenen dwingen het kruis te helpen dragen. Die Cyreneër zijt gij. Welaan, help Jesus zijn kruis dragen, verlicht uw Goddelijken Meester door de kruisen te omhelzen, welke Hij u met eene bijzondere voorliefde overzendt.

Minnelijkste Jesus, ik bedank U voor de kruisen en beproevingen, welke Gij mij overzendt, voor de schoone gelegenheden tot verdiensten. Geef mij de kracht ze verduldig en onderworpen te dragen. Ik offer U het lijden van mijn arm hart, opdat ik, lijdende en U beminnende op deze wereld, er de belooning van bekome in den hemel. Amen.

VI. STATIE.

Jesus drukt zijn aunschijn in den ziceetdoek ran Peronica.

O kostbaar lijnwaad waarin Jesus' heilig aangezicht werd afgedrukt. Prent dit beeld ook in uw hart, met het voornemen het nooit uit te wisschen. Zeg uw Jesus:

ocr page 408

400

O mijn minnelijke Jesus, ik bid ü zoo de gedachtenis van mijn lijden in mijn hart te prenten, dat ik, bewogen door Uw liefde, alleen U beminne, en mij zelf hate; en dat ik, gedurig Uw lijden beweenende, zonder ophouden mijne zonden verfoeie, die de oorzaak vair Uwe droefheden waren. Amen.

Vil. STATIE.

Jesus valt ten tweeden male onder het Kruis.

Zie, mijne ziel, uwen aanbiddelijken Zaligmaker, bezweken onder het kruis, mismaakt, geslagen, gestooten, getrokken, bespot door een onmenschelijk volk; uwe hoovaardij is er de oorzaak van. Beken uwe trotschheid en ijdelheid in uw spreken en handelen, en niet het minst uw ingeboren eigenliefde. Zeg uwen Jesus:

O vertrooster der bedrukte harten, hoe zijt Gij hier zelf zonder troost, uitgeput van krachten, op den grond uitgestrekt. Ach mijne hoovaardy heeft U nedergeworpen onder het kruis! Help mij. Heer, om mij te verootmoedigen, versterk mij tegen het hervallen in deze zonden; ik omhels de versmadingen en vernederingen, die Gij mij zult willen toezenden . Ik zal ze zonder klagen verdragen, dm U na te volgen in Uwe vernederingen, en met ü deel te hebben in de glorie. Amen.

ocr page 409

401

VIII. STATIE.

Jesus troost de heilige vrouwen van Mijne ziel, gij hebt dubbele reden tot wee-nen; èn over Jesus, die uit liefde voor u lijdt, èn over u zelve, die niet ophoudt Hem te vergrammen. Blijf bij dit droef tooneel dan niet meer versteend, maar stort een traan van droefheid om Jesus smarten. Zeg Hem met innig medelijden:

O minnelijke Zaligmaker, waarom smelt mijn hart niet geheel in tranen, om Uw lijden en mijne zonden te beweenen? Geef mij, bid ik U, tranen van een waarachtig leedwezen, op dat ik het medelijden verdiene, dat Gij aan deze godvruchtige vrouwen toont en werp mij een medelijdenden blik vol troost toe in het bange uur, waarin de angsten des doods mij zullen overvallen. Amen.

het Kruis.

IX. STATIE. valt ten derden male

Hoe pijnlijk is deze val voor onzen Jesus, door zooveel bloedverlies van alle krachten beroofd! Met wat wreedheid behandelen de soldaten dit onschuldig Lam! Zij trekken Hem schoppende en slaande omhoog, den berg op, om Hem daar den schandelijken dood te doen ondergaan. Ongelukkige zondaar, die den Zoon God» met zoo groote wreedheid behandelt.

ocr page 410

402

uwen Zaligmaker, zoo versmaad en mishandeld door uwe zonden, vraagt u hier om medelijden. Dat dan nw kart breke, en iem zegge: Mijn Zaligmaker, Koning der nartelaren, ach, wie heeft u in dezen ellendig 3n toestand gebracht? Ik weet het: mijne zor.den, mijne driften, mijne ongeregelde neigingen. En zou ik U na deze weder willen verg ammen en Uw lijden vergrooten? Neen, mijn .'leer, neen, zie mij hier aan Uwe voeten, )m U verkwikking aan te bieden. Ik zal di ;werf zuchtende herhalen: mijn Jesus, barmhartigheid: nooit meer, neen, nooit zal ik Q nog vergrammen.

x. STATIE.

Jesus wwdt van zijn kleederen beroofd.

Op nieuw worden Jesus' wonder hier opengereten, aan een schaamteloos gei leen wordt Hij ter bespotting gesteld, en met edik en gal gelaafd. Welk een boete voor den smaad, door ons aan de zuiverheid toegebracht! Nader tot dit Kruis, en zeg uwen lieven Zaligmaker:

O Jesus, onschuldig Lam, door de verdiensten van deze vernedering, bid ik U, neem van mij weg alle aardsche en zinnelijke genegenheden; opdat ik U alleen al mijne liefde toewijde, die alleen waardig zijt bemind te worden. Ja, Jesus, meng mijn leven met zooveel bitterheden, dat ik alleen zoetigheid

ocr page 411

408

vinde in Uw bitter lijden. O Jesus, mijne liefde, ik wil u beminnen uit geheel mijn hart en door versterving alle ongeoorloofde genietingen van mijn voorgaand leven uitboeten.

XI. STATIE.

Jesus wordt aan het Kruis genageld.

Beschouw, mijne ziel, Jesus nedergeworpen op het pijnlijk bed des kruises. Hij strekt de armen uit, en draagt Zijnen hemelschen Vader zijn leven op, om ons uit de slavernij des duivels te verlossen. Overweeg, wat pijnen Jesus lijdt, nu de beuleu zijne handen en voeten met plompe nagels doorboren en hoe groot de ontsteltenis is der heilige Maagd bij dit schouwspel. Maak een vast voornemen van uw vleesoh en zijne begeerlijkheden te kruisigen, en zeg:

Goddelijke Jesus, minnaar der zielen die ü beminnen, die, aan een hard kruis hebt willen gehecht worden, ik smeek ü, door Uwe liefde en Uwe smarten, mijne voeten, handen en al de krachten van mijne ziel te kruisigen, opdat ik, dood voor mij zelf en voor de wereld, niet leve dan door het kruis, om er de vergelding van te bekomen in den hemel. Amen.

XII. STATIE.

Jesus sterft aan het Kruis.

Zie hier nu Jesus met plompe nagels aan

.

ocr page 412

404

liet kruis gehecht; Hij bidt voor zijne vijanden; belooft den rouwmoedigen moordenaar het paradijs; beveelt zijne moeder aan den H. Joannes, betuigt dorst te hebben naar de zaligheid onzer zielen, beveelt in de grootste verlatenheid en zonder troost zijnen geest in de handen van zijnen Jiemelschen Vader, en sterft in het laatste geweld der pijn en der liefde!... Jesns is dood! de Zoon Gods is een lijk! Hij is gestorven uit liefde tot u! ach zondaar, waarom sterft gij niet van droefheid en liefde met Jcsus? ïreed dicht bij het kruis van den gestorven Jesus, en zeg Hem;

Minnelijke Zaligmaker, ik beken dat mijne zonden uw beulen geweest zijn. Ach, hoe groot is üw mededoogeti met ons; van nu af zal ik herhalen; mijn Jesus, barmhartigheid! Ik smeek die reeds nu af voor het uur van mijn dood. Ik schenk ook barmhartigheid aan degenen. die mij beleedigd hebben; en ik hoop, minnelijke Jesus, uit Uwen mond eenmaal deze woorden te hooren; heden zult gij met Mij zijn in het paradijs. Amen.

XIII. STATIE.

Jesus wordt van het Kruis genomen.

Welk een zwaard van droefheid moet het hart der bedrukte Moeder doorboord hebben, bij het ontvangen van haren dooden Zoon in hare armen! Maar onze zonde is oorzaak ge-

ocr page 413

405

weest van deze marteling. Vereenig dan uwe tranen met de haren en verzaak uwe zonden.

O Maria, bedroefde Moeder, gewaardig u uit liefde voor uwen welbeminden Zoon, mij tot uwen dienaar aan te nemen. O koningin der martelaren, bewijs mij de genade, altijd uwe smarten in mijn geest en in mijn hart levendig te houden. Geef, dat uwe tranen niet vruchteloos zijn voor mijne ziel; maar breek mijn hart, doordring het van zulk een levendige droefheid, dat ik, dag en nacht mijne zonden beweenende, mijn geheel leven doorbrenge in een heilzaam berouw, en eindelijk bekome u te zien en te danken in de eeuwige glorie. Amen.

XIV. STATIE.

Jesus wordt in 't graf gelegd.

Overweeg, mijn ziel, in welk graf Jesus wordt nedergelegd. Bitter verwijt voor u, die Hem zoo vaak in een hart doet vertoeven, waarin het bederf der zondige neigingen nog heerscht.

Brbarming, lieve Jesus, voor zooveel smaad door mij Uw heilig Lichaam aangedaan. Vergeef mij mijn lauwheid, mijn gehechtheid aan datgene wat U bedroeft, toen ik U in mijn hart ontving. Mijn heiligschennissen en alle verzuim tegen Uw Goddelijk lichaam, beloof ik uit te boeten. Straf mijn tekortkomingen

ocr page 414

406

hier aan mijn lichaam, maar spaar mij in de eeuwigheid. Amen.

, SMIXGEBBD.'

Vin dm Gelukz. Henricus Smo.

O goede, teedere Moeder, troost u met di gedachte, dat het langs den weg des Kruise-is, dat Gij tot het rijk der liefde zijt gekomen, waar Gij thans als Koningin alvermogend heersoht, en voor ons een moeder van barmhartigheid, ons leven, onze zoetheid en onze hoop wilt wezen. Gij stort neder op dezen lijdensweg, geheel besproeid met het Goddelijk Bloed van uw Zoon. Troost u en vat moed; door dit Bloed zijt Gij immers de voorspreekster en beschermster der menschen kunnen worden? Ik bid u, door dit droevig tooneel, door den kruisdood van uwen Jesus, dien Gij na zijn dood op uw schoot hebt doen rusten, werp een medelijdenden blik op mijn ziel, en toon haar, bij het scheiden uit dit lichaam, aan den teederen, aan den zoeten Jesus, aan Jesus mijn verlosser, aan Jesus, de gezegende vrucht uws lichaams. Verdedig mij tegen de aanvallen des vijands, red mij in dat bange uur, o goedertieren, o meedoogende, o zoete Maagd Maria.

6 Onze Vader, Wees Gegroet en Glorie enz.

ocr page 415

i de

t di ' a

lises. s.

^0quot; GEBED MET VOLLEN AFLAAT.

mo-

van Zie mij hier, goede en allerzoetste Jesus, [ en ; voor Uw aanschijn op de knieën neergewor-izen pen. Ik bid en smeek U met de grootste slijk y vurigheid des gemoeds, in mijn hart levendige )ed; gevoelens van Geloof, Hoop en Liefde, op-sek- ' recht berouw over mijn misslagen en een nen vasten wil tot verbetering in te prenten; teel, terwijl ik met veel gevoelen en droefheid Uw i Gij vijf wonden overweeg en in den geest santen, schouw, hebbende datgene vóór oogen, wat , en de koninklijke profeet David reeds van U, tam, o goede Jesus, zeide; wZij hebben mijn han-aan den en voeten doorboord, en al mijn been-mde deren geteld!quot;

de 5 Onze Vader en 5 Wees Gegroet.

mge oete

ocr page 416

SicfaHÖomözamp;cttt vezzamp;Samp;zè.

{Staatsbl. N0. 130, 1892.)

ocr page 417

INHOUD.

Blad/..

Voorrede ...... i

Koslhnnr leven en heilige dood van de Zalige Imulda ..... 1

Gebeden onder de H. Mis, met uitlegging van den 11. Thomas van Aquino. 25

Biechtoefeningen ..... 40

Communie-oefeningen op bepaalde tijden van het jaar. 1. üp hot Hoogfeest van Kerstmis en in den Kersttijd . . ü'.t

2. Op het Hoogfeest van Paschen en in dcii Paaschtijd . . . . .76

3. Op het Hoogfeest van Pinksteren, iu het Octaaf, of bij het ondernemen van een gewichtige zaak .... 8'.)

4. Op het Hoogfeest van liet Allerh. Sacrament, of gedurende het Octaaf, cn ook

op dc gewone Donderdagen des jaars. TOO

5. Op den feestdag-van liet Goddelijk Hart van Jesus en op de eerste Vrijdagen der maand . . ■ . I2.r)

(i. In den Vastentijd en voor hen, dio bij de H. Communie het lijden en den dood van Jcsus Christus willen overwegen . 138

7. Op den feestdag van O. L. Vrouw van den Kozenkrans, en de overige Möeder-Gods-dagen, alcook gedurende de Ko-senkransmaand en op eiken Kozenkrans-Zondag ...... 155

ocr page 418

1NJ10UD.

Bkidz.

8.11. Communie ter eere van den 11. Joscj)!!. i7;i Op Allerzielendag, gedurende de maand November en bij Uitvaartdiensten . 190 .10. Op den feestdag der 11. Imclda, of op den laatsten dag der Kovene, ter barer cor gehouden om de genade te verwerven met meer godsvrucht te communi-cocren ...... 214

11. Op de gewone Zondagen . . . 331

12. Op de gewone dagen door de weck . 219

13. Voor ben, die met meer ontzag en heilige vrees de H. Communie moeten ontvangen ...... '265

14'. Voor ben, die met meer vertrouwen

J csus moeten ontvangen . . . 279 ■ • Gebeden na de 11. Communie in verschillende omstandigheden en beboetten des levens . . . . . .391 Raadgevingen en wenken van den II. Fran-ciscus van Sales, den Gelukz. Henricus Suso, de Eerbiedwaardige Thomas a Kempis en Ludov. van Grenada omtrent de godvruchtige Communie . . . 311 Gebeden onder liet Lof met Litanie en eereboete . . .... 307

Noveen ter eere der Gelukz. Imelda, om do genade te verworven mot meer godsvrucht (o cojiimuiiiceeren . . . 378 Kruisweg ; ...... ö9b

Gebed met vollen afiaat .... *107

ocr page 419
ocr page 420
ocr page 421
ocr page 422