ocr page 1

Hi

v. 7

1 '■ '*••• .■ gt; • v ' ■gt; . ■ gt;

■ :A' / J / / i I J i j -i't i .f

/ I 1 /quot;/ : / I i I f i ( /

? f S ' f J' ' : ^ ■ •

/gt;/ / / III ! I i I i I ii I I I i

•quot; « ■■' ■gt;' / i i i / I i i

Vak 173

ocr page 2
ocr page 3
ocr page 4
ocr page 5
ocr page 6
ocr page 7

X

CTfeimaanc) ^er 5ena^e-©or^Gn.

^VrïrYfv'ïamp;famp;fffiVfvrvi'amp;fXAvf j

'°X

X

ocr page 8
ocr page 9
ocr page 10
ocr page 11

, gt;}V

rgt;

iSi

c-'- -■ y w- w

MEIMAAND

DER

genade - Öorden,

OF

jBaria'jj a.quot;rantfjcben, %dtrn ni 25cliciorrccïjtc l^ciïioiioinnini

('s-Bosch, Roermond, Uden, Handel, Aarle-Rixtel, Meerveldhoven, Om-mel, Oirschot, Maastricht, Sit-tard-Issoudun, Scherpenheuvel, Kevelaar, Lourdes, Parijs, Rome, Loreto,)

IN

GODVRUCHTIGE LEZINGEN

voor eiken dag der maand Mei,

bewerkt door A. B. en L. O., R. K. Pr. en Ka]).

51,

Cuyk a. ld. J/aas. — 1896. J O J. VAN L I N D £ R T, .^5 Boekdrukker-Uitgever.

..'•Vï.v A,-,.,. .V-Vï.8--»

ocr page 12

IMPRTMA TUR. 'aaren, 23 Martii 1896.

L. BERKVENS, Libror. Censor.

ocr page 13

^oaiTcbc.

lb--.'-- ■ ■ ~

rm^L,oe beter men de Heilige Maagd a|» kent, des te meer bemint men haar.

Wij hebben dan gemeend een 'Wf nuttig werk te verrichten met eene MAAND VAN MARIA samen te stellen, waarin — voor zoover het kort bestek van zulk werk gedoogt — de geschiedenis der Moeder van God wordt weergegeven.

Deze geschiedenis hebben wij geput; wat het eerste gedeelte aangaat, uit de voorzeggingen en voorafbeeldingen van het Oude Verbond. Dit gedeelte moge als voorbereidende lezing dienen gedurende de laatste dagen van de maand April.

Wat het eigenlijke Leven betreft, hebben wij het Nieuwe Testament en de Schriftuurverklaarders geraadpleegd, terwijl wij met zorg alles hebben vermeden, wat niet door hen was opgenomen en geijkt.

Voor het derde gedeelte hadden wij eene overvloedige keus in de annalen der Bedevaartplaatsen der Moeder Gods, waar hare glorie in gouden letters staat beschreven.

ocr page 14

8 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

Uit deze twee laatste gedeelten wordt de lezing voor eiken dag genomen. Telkens echter gaat eene korte verhandeling over de grootheden van Maria, bij wijze van inleiding vooraf.

Aldus bevat iedere dag onzer Meimaand;

1. Eene korte verhandeling over de Heerlijkheden en Voorrechten van Maria.

2. Een hoofdstuk over het leven der Heilige Maagd.

3. Een verhaal, betreffende eene harer bedevaartplaatsen. Verhalen, die te lang zouden zijn voor ééne lezing, •— zooals die der Zoete-Lieve-Vrouw van 's-Bosch, van O. L. Vr. van Lourdes, Loreto en andere — zullen over twee of meer dagen verdeeld worden. Iedere dag zal zoodoende zijne eigene oefening hebben, zonder nochtans te veel tijd in beslag te nemen.

Moge het doel, dat wij ons hierbij voorstelden, worden bereikt; mogen de vereerders van Maria door vermeerderde kennis van de Wonderbare Moeder des Heeren tot meer innige liefde en getrouwere vereering jegens haar worden opgewekt, en het boekje al het verhoopte goed stichten.

x

'X

ocr page 15

.X

O^biMCljt aan JHaria.

allerheiligste Maagd en verhevene Moeder, wij, uw nederige en onwaardige dienaren, leggen dit werkje met het levendigste geloof, met het volste vertrouwen en met den diepsten eerbied aan uwe eerbiedwaardige en heilige voeten neer. Gewaardig, bidden wij U, de toewijding er van te aanvaarden, het onder uwe allerheiligste bescherming te stellen, het te doen aannemen door uwen goddelijken Zoon, en het de beste vruchten te doen dragen.

Op het Feest van Maria Lichtmis,

2 Februari 1896.

De Bewerkers.

quot;X

X'

ocr page 16

X

^ns onderwerpende aan het decreet van Paus Urbanus vin, verklaren wij, dat wij aan de wonderdadige gebeurtenissen, wonderen enz., in dit werk verhaald, geen ander gezag willen toegekend hebben, dan de H. Kerk er aan toekent.

X

X

ocr page 17

X.

Dnarlicmticubc rCcsimj.

1.

Ijcilujc jBaagb lióór ijarc ftoinst ay aarbc.

ak®aria. door den schkpper aanquot; a dam

beloofd. •— God had den mensch onsterfelijk geschapen, en— hij sterft. Hij had hem zijne geboden gegeven om een gelukkig leven te bezitten, en hij wordt onderworpen aan allerlei beproevingen, smarten en ellenden gedurende zijn doortocht op aarde. Adam, onze stamvader, stond op tegen God, daartoe verleid door de vrouw, die geluisterd had naar de inspraken des duivels.

Deze zonde onzer eerste ouders was oorzaak der veroordeeling van hen en van geheel hun nageslacht. Daarvan ondervinden wij nog dagelijks de verschrikkelijke gevolgen; immers wij worden geboren met de smet der erfzonde.

quot;X

gt;c

ocr page 18

12 meimaand der genade-oorden.

Door de belofte van den Messias echter deed de barmhartige God de hoop in 't menschelijk hart herleven; de slang, die oorzaak was van al het kwaad, werd gevloekt en veroordeeld om te kruipen op haren buik, en het stof der aarde te eten. Eene onverzoenbare vijandschap, een eeuwige haat werd afgekondigd tusschen de Vrouw en haar. Daarbij gaf de Almachtige de verzekering, dat de Vrouw den kop van het serpent zou verpletteren, ondanks zijne pogingen om haar den hiel te belagen. Genes, rrr. 14—15.

De Vrouw heeft inderdaad den kop van het serpent verplet: Maria namelijk heeft deze heerlijke taak, voor haar van 't begin der wereld weggelegd, vervuld, toen zij ons den Verlosser schonk. Eva had ons door hare zwakheid in 't verderf gestort en was oorzaak geweest van onzen dood en van al onze ellenden. Maria heeft ons gered en aan ons, door hare deugden en door hare medewerking aan de Verlossing met haren goddelijken Zoon, het leven weergegeven. Dit is de leer der HH. Kerkvaders.

Maria door de Profeten voorspeld. — Isaias sprak op bevel des Heeren aldus tot den ongeloovigen Achaz, koning over de tien stammen van Israël: „Luister, huis van DavidI.... De Heer zelf zal U een

ocr page 19

VOORBEREIDENDE LEZING.

teeken geven: Zie 1 De Maagd zal ontvangen en eenen Zoon baren, en deze zal Emma-nnel heetenquot;; dat is, God met ons. Het is boven allen twijfel verbeven, dat de profeet hier van de Heilige Maagd spreekt, zooals ook de Evangelist Mattheus verklaart, als hij aan het verhaal der menschwording van het Woord in den zuiveren schoot van Maria, deze woorden toevoegt: „Dit is geschied ter vervulling van hetgeen de Heer door den profeet heeft voorspeld .. . .quot;

Volgens den heiligen Hiercnymus is de maagd, waarvan de profeet spreekt, geene gewone maagd, maar eene maagd bij uitnemendheid, die geene andere kan zijn dan de Moeder van Clod. Isaias voorspelde, nog duidelijker omschrijvende, aldus; ,,Er zal een twijg ontspruiten uit den wortel van Jesse, en eene bloem zal opschieten uit dien wortel. En de Geest des /feeren zal op Hem rustenquot;.

Welnu, de wortel van Jesse, zegt Ter-tullianus, beteekent het geslacht van David; de twijg, die uit dezen wortel ontspruit, is Jezus, de zoon van Maria. De geslachtslijst van jezus toch luidt letterlijk: Salmon gewon Booz; Booz gewon O bed; Obed gewon Tesse; Jesse gewon David. In gevoelvolle woorden drukt de heilige Ber-nardus, met de hem eigene verhevene godsvrucht en wonderbare welsprekendheid, zijn geloof uit jegens deze profetie.

ocr page 20

gt;c

14 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

Micheas, een der twaalf kleine profeten, duidt met wonderbare nauwkeurigheid de plaats aan, waar de Heilige Maagd bij de kribbe des Heeren zou zijn gezeten: „En gij, Bethlehem Kphrata, klein zijt gij onder de duizenden van Juda! Uit u zal Mij voortkomen, die heerscher zal zijn in Israël, en zijne uitgangen zijn van den beginne, van de dagen der eeuwigheidquot;. God alleen heeft deze voorzegging kunnen ingeven, en geen ander dan Hij kon ze vervullen.

Jeremias is niet minder kernachtig juist: „Ephralm, hoor, wat de Heer belooft! .... üe Heer heeft iets nieuws geschapen op aarde: eene vrouw zal eenen man omsluiten. Dit zegt de Heer der heerscharen, de God van Israël. Nog zal dit woord gesproken worden in het land van Juda en in zijne steden, als ik hunne gevangenen heb teruggevoerd: u zegene de Heer, u glans der rechtvaardigheid, heilige berglquot; Er ligt in deze woorden eene wondere en diepe kracht; er is niet slechts spraak van een wonder of van eene schorsing der wetten van de schepping, maar de profeet belooft uit naam van God meer dan dat, namelijk eene nieuwe schepping^ „creavii novu/n.quot; In de wonderdadige menschwording van het j Woord in den maagdelijken schoot van I Maria — zegt de H. Bernardus — moeten wij deze nieuwe schepping erkennen, moeten wij de vrouw zien, die omsluit den man Jezus, de gezegende vrucht haars lichaams.

X

gt;c

ocr page 21

X

voorbereidende lezing.

Zoo hebben de profeten, door Gods geest gedreven, ofschoon op verschillende tijden en in verschillende bewoordingen, dezelfde zaak voorspeld.

Maria ix de Heilige Schriftuur voor-afgebeeld. — God zelf heeft ten allen tijde behagen genomen in het verkondigen van den lof der maagdelijke Moeder des Verlossers. Geheel het Oude Testament is vol verhalen, die in de oogen der Kerkvaders even zooveel trekken zijn van Maria's beeltenis. Zoo beschouwen zij als haar sprekend beeld het brandende hraant-bosch, dat Mozes op den berg Horeb aanschouwde, terwijl liet niet door de vlammen verteerd werd. Dit gevoelen drukt ook de Kerk uit, waar zij in de getijden ter eere der H. Maagd deze lofspreuk zingt: In het braambosch, dat Mozes zag branden zonder te verteren, erkennen wij het behoud meer lofwaardige inaagdclijkhcid, o Maria.' Het goddelijk vuur was voor Maria een verfrisschende dauw; zij bracht het Vuur en het Licht voort, zonder er eenigermate door gehinderd te zijn.

Bijna alle Kerkvaders erkennen in den amandeltivijg, die door de H. Schriftuur de wonderbare roede van Aaron genoemd wordt, een heerlijk afbeeeldsel der vruchtbare maagdelijkheid van Maria. De hoofden der twaalf stammen Israels brachten elk hun staf, waarop hun naam gegrift stond,

ocr page 22

16 MEIMAAND DER GENADEOORDEN.

bij Mozes. Aaron deed insgelijks. Op bevel van God werden deze staven in den Tabernakel neergelegd; hij, wiens staf zou bloeien, was aangewezen als hoogepriester. Den volgenden dag haalde Mozes, ten aanzien der menigte, de staven te voorschijn; die van Aaron droeg bladeren, bloemen en vruchten; gevolgelijk werd hij gekozen verklaard en de wonderbare staf met heilige zorg in de Ark des Verbonds bewaard.

Deze amandelstaf met zijne bladeren, bloemen en vruchten verbeeldt ons de Moeder van God, die naar het getuigenis van Isaias, de fwijg uit den wortel van Jesse is, en die tegelijk met de bloem der maagdelijkheid de vrucht van den boom des levens voortbrengt. De amandeltwijg van Aaron deed in éénen nacht, wat natuurlijkerwijze het werk van meerdere jaren is; zoo bracht Maria in één oogenblik het meesterstuk van alle eeuwen voort.

De Kerkvaders erkennen als zinnebeeldige voorstellingen en voorafbeeldingen der heilige Maagd, hc/ rel van Gedeon, dat alléén door den dauw des hemels werd bevochtigd, terwijl degeheele dorschvloer rondom droog bleef; •—• dc Ark des Verbonds, uit onbederfelijk hout vervaardigd, eerbiedwaardig voor priesters, volkeren en koningen; -— den troon van Salomon, van zuiver goud en helder wit ivoor gemaakt; — de poort van Ezechiel, voor eeuwig verzegeld door haren maagdom, — de Ster, verrezen uit

\ *

ocr page 23

voorbereidende lezing.

17

Jacob ter verlichting der wereld; — dc geheimzinnige ladder, die Jacob zag op zijne reis naar Mesopotamie, waarvan het eene einde op de aarde stond, terwijl het andere aan den hemel reikte; — de kleine wolk : van Elias, die op zijn gebed na drie jaren van droogte en hongersnood, de aarde 1 kwam drenken en verkwikken. De ware i beteekenis van deze schoone zinnebeelden is zoo gemakkelijk te vatten, dat zij geene verklaring behoeven.

Iamp;Saria afgebeeld door de beroemde #ïamp; vrouwen van het oude testament.— De beroemde vrouwen van het Oude Verbond blijven, wanneer men eene vergelijking maakt, allen ver beneden Maria; — ieder van haar biedt in de oogen der gewijde schrijvers slechts eenige trekken van gelijkenis aan met dat goddelijk meesterstuk. De eene vertoont de zedigheid harer oogen, de andere hare voorzichtigheid in 't spreken, ot is een beeld harer grootheid of harer brandende liefde; allen te samen zijn zij de gelijkenis van eenige harer deugden. Zoodanigen zijn:

S a r a, wier naam beteekent Meesteres. Zij redde door eene onschuldige list, bij de ballingschap in Egypte, het leven van Abraham, haren man, en ofschoon oud en afgeleefd, schonk zij onder wonderbare omstandigheden aan dezen Aartsvader zijnen zoon Izaak, den erfgenaam van al zijne

Meimaand Genade-Oorden.

ocr page 24

iS MEIMAAND DER GENADE-OORDEN,

bezittingen. Welnu, Maria heeft het men-schelijk geslacht gered door met haren goddelijken Zoon deel te nemen aan de Verlossing en op wonderbare wijze heeft zij den Zoon Gods, den waren Izaak, door wien alle volkeren gezegend zijn, aan deze aarde geschonken.

Rebekka, de dochter van Bathuel, gelijkt door hare schoonheid, hare bevalligheid, hare goedheid en zachtmoedigheid op Maria. Zij was door Gods bijzondere beschikking met deze gaven toegerust, om ! de echtgenoote van Izaak te worden, en eveneens was Maria van 't begin der wereld af voorbestemd en voorbereid om de Moeder des Verlossers te zijn.

Maria, de zuster van Mozes, is een der oudste afbeeldsels van de Moeder Gods; zij draagt denzelfden naam, leefde eveneens in den maagdelijken staat, en stortte haar gemoed gelijk Zij in een lofzang uit, aan 't hoofd der koren van zangeressen in Israël. Maria, de Moeder van Jezus, prees in haren profetischen zang den Heer als den eenig Heilige en Machtige, terwijl zij hare verheffing door alle geslachten voorspelde. Wij zien er de uitkomst van, nu zij boven aile koren der engelen en heiligen verheven is.

Jahel, wier naam in zijne afleidingbe-teekent „degene, die opklimtquot;, steeg werkelijk hoog in achting en aanzien bij het volk Gods, door het van de verdrukking

ocr page 25

-------1--sJK

VOORBEREIDENDE LEZING. 19

der Kanaaneërs te bevrjden, en de overheden des volks, Debbora en Barak, prezen haar als gezegend onder de vrouwen. De Aartsengel Gabriel zeide hetzelfde met meer recht van Maria. Zij is op aarde in aanzien gestegen door de bevrijding der volkeren, en is in den hemel verheven als heerscheres en beschermster harer kinderen en getrouwe dienaren, die over de geheele wereld zijn verspreid.

Abigail ging David, die in toorn ontstoken was tegen Nabal, te gemoet en ontwapende zijne gramschap. Deze godvruchtige krijgsman zegende haar, omdat zij hem verhinderd had menschenbloed te ; vergieten.

Welnu, volgens den H. Bonaventura, is Nabal de zondaar; David de vertoornde God; Abigail de heilige Maagd, die door hare tusschenkomst van haren goddelijken Zoon voor den zondaar genade verkrijgt.

Judith, de zoo schoone, zedige en welsprekende vrouw, zoo vol bevalligheid en moed, zonder nochtans trotsch te zijn, bevrijdde haar volk van de overheersching der Assyriërs. Zij sloeg Holofernes, den aanvoerder des legers, het hoofd af, en werd bij hare terugkomst begroet als de roemvolle redster van het volk, als de glorie van Jerusalem en als de vreugde van Israël. Maria wierp den duivel neder, verpletterde den kop van het serpent en dreef de helsche legerscharen op de vlucht,

quot;X

ocr page 26

X

20 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

waarom zij de roem, de glorie en de vreugde is der kinderen Gods.

Om Rachel, de dochter van Laban te bekomen, diende Jacob haren vader gedurende tweemaal zeven jaren. Zij werd, na langen tijd kinderloos te zijn geweest, de gelukkige moeder van Jozef, later onderkoning van Egypte. De gewijde schrijvers zien in de schoone Rachel het beeld van Maria, en in den geliefden Jozef het beeld van Jezus.

Ruth, wier naam genoemd wordt in de geslachtslijst der voorouders van Jezus, zoo zachtmoedig en nederig van gemoed, vond gratie bij Jïooz, gelijk Maria bij God; zij zamelde op de velden van dien man de achtergelatene korenaren, gelijk Maria op het veld van Gods barmhartigheid de zielen vergadert, die in de zonde zijn gevallen en hare hulp inroepen.

De godvruchtige Debbora verbeeldt ons door hare overwinning op Sisara, den vijand van Gods volk, de overwinning van Maria op den helschen vijand; Anna, de moeder van Samuel, is een beeld van hare godsvrucht; Esther van hare schoonheid en bevalligheid, en de moeder der Mach a b e ë n van haren bewonderenswaardigen moed.

Zoo schijnt de Almachtige aan de mensch-heid slechts stuk voor stuk het wonderbaar tafereel te hebben ontrold, dat door Maria's deugden wordt voorgesteld.

x~- %

ocr page 27

X,

t Art Art Aa AA An An AfS AA AA#/

II.

IMcnnrt bcr jüQriniaanb.

iSÖ'et is de heerlijke Meimaand, waarin ^!:- de natuur uit haren winterslaap ontwaakt en al hare schoonheid ontwikkelt. De Mei is de schoonste van alle, de koningin der maanden des jaars. Zij is de feestmaand der natuur en der geschapene wezens. De valleien, de vlakten en de heuvelen tooien zich met groen; de ontluikende bloemen vervullen de lucht met aangenamen geur en het melodieuze gezang van den nachtegaal en den leeuwerik weerklinkt over bosschen en velden. In grootheid en rijke pracht gaat het schouwspel der ver-jeugdigde natuur alles te boven, wat de verbeeldingskracht van den mensch zich scheppen kan: het groene gras en het donzige mos is uitgespreid als tapijt, het ' blauwe hemelgewelf strekt tot paviljoen, en als sieraden dienen de duizenden bewonderenswaardige gezichtspunten, door de zon des Allerhoogsten verlicht en gekleurd.

De Mei is de bloem der maanden en de maand der bloemen; eveneens is Maria het pronkstuk van Gods werken en de bloem der menschheid.

Ziedaar, waarom de Meimaand de maand van Maria is, en waarom Clod gewild heeft.

'X

ocr page 28

.X

22 MEOrAAXD DER GEXADE-OORDEN.

dat deze schoone maand aan de Allerheiligste Maagd zou zijn toegewijd.

Is het niet billijk, dat wij in dit schoone jaargetijde, waarin alles in blijde hoop herleeft, Haar verheerlijken, die ons terugriep tot het eeuwig leven, en die uit het hoogste der hemelen met volle handen hare gaven, gunsten en genaden over ons uitstort?

Geen wonder dan ook, dat de geheele Christenwereld de godvruchtige viering dezer maand ter eere der Koningin des 1 hemels met geestdrift heeft aangenomen, zoodat er om zoo te spreken geen kerk of 1 kapel meer is, waar niet het beeld van Maria met luister wordt omgeven. Indien derhalve de eer van de H. Maagd ook ons ter harte gaat, zoo wij wenschen dat Maria's moederlijk oog een liefdevollen : blik op ons richte, zoo wij wenschen te deelen in de bijzondere bescherming dier hemelsche Koningin, vereenigen wij ons 1 dan met de geheele Christenheid en geven wij haar in deze maand bijzondere blijken van eerbied en liefde. Tot eene godvruchtige viering dezer maand moge men de drie volgende punten onderhouden:

i». Nemen wij ons vast voor te harer eer en uit liefde voor haren goddelijken Zoon, alle doodzonden zorgvuldig te vermijden en ons te beteren van die dagelij ksche zonden, waaraan wij ons veelvul-diger plichtig maken, 't zij oneerbiedig- | heid in het gebed, ongehoorzaamheid of !

ocr page 29

23

liefdeloosheid, 't zij leugentaal, kwaadspreken, gramschap enz.

20. Brengen wij een offertje tot versiering harer beeltenis en geven wij, zoo mogelijk, ook eene aalmoes aan de armen. ;

30. Vragen «'ij aan de H. Maagd met vertrouwen eenige geestelijke gunsten voor ons zeiven, voor de H. Kerk, voor de zondaars; — bieden wij Haar tot dat einde dagelijks onze hulde, onze vereering, onze Meimaand-oefening aan.

Gelukkig de getrouwe dienaar of dienares, ; die aldus waakt aan de poorten van haar paleis, die zoo de wacht houdt aan de stijlen dier deur des Hemels. Hij zal Maria's machtige bescherming ondervinden, en deze dagen zullen met gouden letters in het boek zijns levens staan aangeteekend.

N.B. Zijne Heiligheid Pans Pius VII verleende aan alle geloovigen, die gedurende deze maand de allerheiligste Maagd en Moeder Gods, door eerbiedige huldebetooning, door godvruchtige gebeden of andere oefeningen van deugd zouden vereeren ; 10. Een aflaat van 300 dagen voor iederen dag; en 20. Eén vollen aflaat, ééns in die maand, op eenen dag naar verkiezing, te verdienen, mits men biechte, Communiceere en bidde tot intentie van Zijne Heiligheid. (Raccolta 1884, bi. 296.)

X

ocr page 30

45ciGte 3?aij.

vi'i'ootfjrbni ban jllana.

DF. BRON VAX DE GROOTHEDEN DER H. MAAGD IS HAAR TITEL VAN MOEDER GODS.

de Heilige Kerk zeggen, dat Maria is de Moeder Gods, is alles zeggen met één enkel woord. Inderdaad, er is geene hoogere waardigheid, er bestaat geen grooter lof voor een schepsel dan deze, en de welsprekendste redenaar kan er niets bijvoegen. De grootste vernuften der wereld, de voornaamste en meest verlichte heiligen waren bevreesd, als zij hare lofrede wilden samenstellen. De Heilige Gregorius, bijgenaamd de Wonderdoener, zoo machtig in woord en werk, bekent, dat hij een kind is en geen woorden kan vinden, wanneer hij over de Moeder Gods moet spreken. De heilige Epiphanius verklaart, dat de beschouwing harer glorie hem met vrees bevangen heeft, en dat er geen verstand zoo machtig, geen taal zoo schoon en kernachtig is, om zulke wonderwerken naar waarde te prijzen. De Heilige Ber-nardus vreesde zijne hoorders te misleiden, met hun eene toespraak over dit onuitsprekelijk onderwerp te beloven.

Na op alle wijzen den lof van de

ocr page 31

eerste dag.

Allerheiligste Maagd verkondigd te hebben, zoo zegt de H. Bernardinus van Siëna, na haar beschouwd te hebben als de zuiverste bron van alle deugden, als het volmaakste werk van den Schepper, als een oceaan van gratie, als een wonder van glorie, als het meesterstuk van (rods almacht, als den troon der Godheid, is men verplicht tot den oorsprong dezer voorrechten terug te keeren en te belijden, dat zij eenig en alleen afhangen van haar goddelijk Moederschap.

Maria's grootheden en vereering hebben hare grondslagen op de heilige bergen, en het zou een zwak geloof verraden, wanneer wij meenden, dat God ten opzichte van haar niets kon doen, wat ons verstand te boven gaat.

quot;XGclicn bcr ï). .maartb.

Hare Onbevlekte Ontvangenis.

| tijdstip, voor de verlossing der men-

| és4=i schen bepaald, naderde meer en meer, en bij de Hebreën waren reeds duidelijk de voorteekenen dezer groote gebeurtenis i aanwezig. Het godsdienstig en maatschap-: pelijk leven der Joodsche natie nam zicht-i baar af, de troon lag omver, de koninklijke schepter was in de handen eens vreemde-| lings; tempel en altaar wankelden; alles

X

ocr page 32

gt;c

■«

26 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

was geschokt, en in beroering. De Verlosser van 't begin der eeuwen beloofd, naar wiens komst de patriarchen zoo zeer verzuchtten, die door den mond der profeten zoo dikwijls was aangekondigd, zou ter wereld komen, om de bouwvallen van Sion te herstellen, om een einde te maken aan de heerschappij der zonde, om de eeuwige rechtvaardigheid aan te brengen en de visioenen en voorspellingen der profeten te vervullen. Het heelal is in gespannen verwachting en bereidt zich voor om de groote omkeering te ondergaan, i die door Hem zal bewerkt worden. De Eeuwige zal, zonder vermindering zijner grootheid of almacht, en zonder zijn troon te verlaten, die in het hoogste der hemelen is gevestigd, op aarde nederdalen; Hij zal zich onder de nederige gedaante van een klein kind aan de oogen der stervelingen vertoonen, want er is voorspeld, dat Hij zal verschijnen als mensch, onderworpen aan alle ellenden der menschen.

Noodwendig moest de God-mensch eene moeder hebben zijner waardig. Waar echter eene vrouw te vinden, die alle mogelijke volmaaktheid in zich vereenigde?

Slechts ééne is er geweest, en deze is Maria. De profeten hebben van haar voorspeld, dat eene maagdelijke Vrouw de Moeder des Verlossers zoude zijn; eene Maagd, die hare zuiverheid en maasde- .

O ^ - O

lijkheid ongeschonden zoude bewaren. Maar i

gt;

ocr page 33

X.

,x

EERSTE DAG.

ook cle maagden zijn niet vrij van de erfzonde. Deze altijd maagdelijke Moeder echter mocht niet besmeurd worden met die algemeene smet, maar moest in allen deele vlekkeloos zijn en blijven. Daarom moest Maria liet kind der gratie zijn, die tegelijkertijd dat zij kind der menschen werd, ook waarlijk kind Gods mocht heeten. Ware de Messias slechts een machtige koning geweest, zooals de Joden zich inbeeldden, dan voorzeker had Hij kunnen volstaan met eene moeder, die in het paleis der Cesars opgevoed, met alle groote gaven van geest en hart ware toegerust geweest.

Maar het gold hier den beloofden Verlosser ter wereld te brengen, den Messias, den Heer des hemels en der aarde, den God van alle heiligheid. Daarom moest bij Maria's voorrechten de heiligheid voorop staan en moest alles medewerken om in haar de volmaaktste gelijkenis te vormen met haren goddelijken Zoon. Deze volmaakte heiligheid moest haar noodzakelijk vrijwaren van de smet der erfzonde, waarmede wij allen geboren worden. Van het begin der wereld aangekondigd als degene, die den kop van het serpent zou verpletteren, kon de Moeder des Verlossers niet door zijn beet getroffen zijn.

De Kerkleeraars hebben steeds ten aan-hoore der wereld Maria's voorrecht van onbevlekt ontvangen te zijn verkondigd en verdedigd.

X

X

ocr page 34

X gt;

28 meimaand der genade-oorden.

Gedurende de achttien eerste eeuwen ! des Christendoms was dit geloofspunt in I de harten aller Christenen gevestigd, totdat 1 Zijne Heiligheid Pius IX, roemwaardiger nagedachtenis, aan het algemeen verlangen der geloovigen voldoening gaf, en plechtig als geloofswaarheid door allen te houden afkondigde, dat de Allerheiligste Maagd en Moeder Gods Maria door een bijsonder voorrecht Gods, ten aanzien der verdiensten van haren goddelijken Zoon, van de smet der erf sonde onbevlekt is bewaard gebleven.

Bemerking. — De wereld was sinds Adams val in een ongelukkigen staat. Maria • kwam door hare Onbevlekte Ontvangenis ; de Verlossing voorbereiden. Om daaraan I deelachtig te worden hebben wij slechts 1 den weg der onschuld te volgen, ons door 1 de H. Maagd aangewezen.

3Pc Sdctc^Xiclic=ciulu Inn quot;o

—■

! CsSe wegen des Heeren zijn zeer verschil-i lend van die der menschen. Roemen j dezen al wat groot en aanzienlijk is op i deze aarde, en stellen zij daarop hun ver-I trouwen. God kiest niet zelden het kleine, ' zwakke en onedele dezer wereld uit, om zijne grootste werken te volvoeren. „Het I dwaze der wereld, schrijft de Apostel, heeft God uitverkoren om de wijzen te beschamen .... en het verachte heeft God

A

gt;c

ocr page 35

--

29

uitverkoren en he/geen niets is, om hetgeen iets is, te niet te doenquot;.

Heeft Hij David, den schaapherder, den laatsten van Isaï's zonen, niet van de kudde opgenomen en met terzijdestelling zijner oudere broeders, tot koning over Israël gezalfd? Heeft de Zoon Gods zich niet eene arme, nederige maagd tot glorievolle Moeder verkoren, en wilde Hij niet in een verlaten stal op Bethlehems velden ter wereld komen om in de kribbe op hooi en stroo te worden neergelegd?

Verkoos Hij niet twaalf ongeleerde mannen, meest allen arme visschers, tot apostelen om aan de volkeren de leering van den gekruisigden Godmensch te verkondigen en het aanschijn der aarde te veranderen ?

Voorzeker, God heeft het zwakke en het dwaze uitgekozen om de machtigen en de wijzen dezer wereld te beschamen, opdat zijne kracht zoude uitschijnen in de zwakheid en de onbeholpenheid van het werktuig. Hetzelfde ziet men niet zelden plaats grijpen in de geschiedenis der bevoorrechte genade-oorden der Allerheiligste Maagd.

Een der oudste en eerbiedwaardigste mirakeleuze beelden der Heilige Maagd op Nederlandschen bodem is voorzeker het beeld der Zoete-Lieve-Vrouw van 's Bosch.

Bi; de herstelling der prachtige aloude

quot;X

ocr page 36

^_______________^

MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

St. Janskerk, in het jaar 1280 begonnen, aan welker restauratie meer dan eene eeuw besteed werd, geraakte dit beeld, dat vroeger eene plaats in die kerk innam, in de bouwloods onder puin en stof bedolven. Nog in de eerste dagen van 1380 lag het daar. Het was oud en onoogelijk geworden, zoodat niemand er eenige waarde aan hechtte. Op zekeren kouden winterdag stond een werkman met de bijl gereed, om het tot spaanders te hakken, ten einde het vuur te stoken, toen juist de bouwmeester de loods binnentrad en hem weerhield, zeg-I gende, dat zulks niet mocht gebeuren, daar het de beeltenis was der schoone Maagd Maria. Zoo bleef het, ofschoon gespaard voor het vuur, ongeacht en versmaad in de bouwloods staan. Op Witten Donderdag ■ daaraanvolgende bracht dezelfde werkman, als om zijn vergrijp te herstellen, het beeld van stof gezuiverd, naar de kerk, om met de andere beelden, die bij het H. graf werden geplaatst, zooals de wachters, de engelen, de godvruchtige vrouwen, enz., als eerewacht en versiering te dienen. Omdat het echter te onoogelijk was, werd het afgewezen en voorloopig in een hoek der kerk neergezet. Korten tijd daarna werd het door den koster aan zekeren broeder Wouter ten geschenke afgestaan. Dan, eerst omstreeks Lichtmis van het volgende jaar 1381 kwam broeder Wouter om zijn beeld te halen. Toen hij echter

X' X

ocr page 37

eerstk dag.

beproefde het weg te dragen, werd het hem zoo zwaar, dat hij zich genoodzaakt zag het in de kerk achter te laten. Men bracht liet naar het O. L. Vrouwe-choor, waarschijnlijk de tegenwoordige O. L. Vrouwekapel, waar het overigens geheel verwaarloosd werd.

Het beeld, uit eikenhout gesneden, ongeveer 1,15 meter hoog, stelt de moeder Gods in staande houding voor, dragende op den linkerarm het Kindje Jezus, dat zij met de rechterhand den symbolischen appel, de vrucht der gehoorzaamheid en des levens, aanbiedt. Naar de bewerking van liet geheel te oordeelen, is het een der eerste voortbrengselen der Gothieke kunst uit het begin der dertiende eeuw.

Besluit. Knielen wij in den geest eenige oogenblikken voor de beeltenis der Zoete-Lieve-Vrouw neder, en bidden wij haar om de groote gaaf van ootmoedigheid.

ocr page 38

X-

Clucchc vDaij

a3i'ciDtljcbrn ban .iHana.

Zij is de Dochter des Eeuwigen Vaders, de Moeder van God den Zoon, de Bruid van den Heiligen Geest, en

tegelijkertijd de moeder, de

Zuster, de Beschermvrouwe der Christenen.

fipïen kind, een dochtertje, een zwak ètl menschelijk wezen wordt geboren. Dit teeder wicht, dat onder hare voorvaderen j Salomon, David en Abraham telt, voert hij hare geboorte de eenvoudigheid, de zedigheid, de nederigheid in haar hofstoet mede; het heeft geen reden om aardsche praal te verlangen, maar zal voor ons het * toonbeeld van alle deugden zijn.

Welke vorstin echter kan met dit bevoorrecht kind in vergelijking komen ?

Diodorus Siculus verhaalt ons, dat de moeder van Simandius, koning van Egypte, op hare graftombe met drie kronen stond afgebeeld, om te beduiden, dat zij echt-genoote, dochter en moeder eens konings was. Galla Placidia overtrof haar, dewijl zij de dochter van Keizer Theodosius den Grooten, de zuster van keizer Honorius, de echtgenoote van Constantijn en de moeder van keizer Valentinianus was.

%

ocr page 39

--^

TWEEDE DAG. 33

Deze bijzondere titels, zoo zeldzaam in één persoon vereenigd, kunnen echter niet halen bij de eeretitels van het kind, waarvan wij spreken ; immers de aardsche grootheid dier vorstelijke vrouwen was van voor-bijgaanden aard, terwijl de voorrechten der kleine Maria eeuwigdurend zijn. Wat hare aardsche afstamming aangaat, hebben wij alle redenen om daarover met rechtmatigen trots te juichen; zij is de nazaat der patriarchen en :ler koningen; maar wat beteekent dit tegenover hare verwantschap met God! Als het kunststuk der schepping is zij de volmaakte Dochter des h e m e 1 s c h e n Vaders, terwij 1 zij in het schoonste werk Gods, onze Verlossing, tot Moeder van God den Zoo n en Bruid des Heiligen G e e s t e s werd uitgekozen. Dientengevolge is zij tevens de zu s t e r, de m o ed e r, de B e sc h e r m-vrouwe der Christenen geworden. Wij zijn allen broeders en zusters in Jezus Christus, dus is ook Maria onze zuster en tevens onze moeder. Van de stervende lippen des Verlossers op het kruis vloeiden de zoo zoete woorden ; „Vrouw, ziedaar uw zoon, —• zoon, ziedaar uwe moederquot;, waardoor Hij haar aan ons tot moeder gaf en ons tot hare kinderen aanwees; en gedurende meer dan achttien eeuwen heeft Maria bewijzen te over geleverd, dat zij ons in waarheid heeft aangenomen en onder hare bescherming geplaatst.

Xquot;

Meimaand Genade-Oorden.

ocr page 40

34 meimaand der genade-oorden.

Xdicn brr X^. j^aatjh.

De Geboorte.

.tffje Nazareth, een stadje in Galilea, niet ver van den berg Karmel gelegen, leefde een heilig man, Joachim genaamd, uit den stam van Juda, uit het geslacht van David door Nathan; zijne vrouw, volgens het gevoelen van den H. Augustinus, uit het priesterlijk geslacht gesproten, heette Anna, welke naam, in het Hebreeuwsch, de „bevalligequot; beteekent. Deze echtgenooten leefden volgens de wet en onderhielden nauwgezet de geboden van God. Aan hun huwelijk ontbrak echter eene groote zegening; zij waren tot dan toe kinderloos, wat bij de Israëlieten als eene schande werd aangezien. Dan, de goddelijke Voorzienigheid, wier beschikkingen ondoorgrondelijk zijn, bereidde hun eene groote belooning en eene onbeschrijfelijke vreugde. Twintig jaren na hun huwelijk werd Anna de bevoorrechte moeder van het gelukkige kind, zoo aangenaam in Gods oogen, dewijl Hij het voorbestemd had om aan de wereld den lang verwachten Verlosser te schenken.

In het begin der maand Tisri, wanneer de brandoffers voor de zonden des volks werden opgedragen, werd de Maagd geboren, wier Goddelijke Zoon, de misdaad onzer eerste ouders zoude herstellen.

X

gt;c

ocr page 41

X

TWEEDE DAG.

De datum dezer groote gebeurtenis valt volgens den feestdag, door de Heilige Kerk ingesteld, op den 8sten September.

De geboorte van Maria had niet plaats te midden van wereldsche praal. Deze geheimzinnige roos, later door den H. Joannes aanschouwd, omkleed met de zon als in een stralenglans, moest in den verzengenden wind der tegenspoeden op een armen en ontblooten tak ontluiken. De grootste eenvoud heerschte rond de kribbe van haar, die voorbeschikt was, de koningin des Hemels te zijn. Bij de geboorte van dit wondervol kind vond men noch goud, noch rijk borduurwerk, noch de kostbare reukwerken van het Oosten. Hare wieg was van gevlochten hout vervaardigd, en windsels van grof linnen omsloten de kleine armen, die eenmaal den Zaligmaker der wereld zoo zacht zouden omvatten.

Zien de kinderen der koningen, in purperen windselen gehuld, de rijksgrooten voor hen nederbuigen en hen verwelkomen als Heer, — de vrouw, die de Bruid en de Moeder van God moest worden, ontving de eerste liefkozingen van arme vrouwen uit het gewone volk.

Maar in de oogen van de Heiligen en de Engelen was de geboorte van Maria glorievol en schitterend.

Den achtsten dag na de geboorte gaf Joachim aan zijne dochter den naam van

35

X

ocr page 42

36 meimaand der genade-oorden.

Miriam (Maria), hetgeen naar het Syriaksch ,, Vrouwe, Meesteres, Heerscheresquot; en naar het Hebreeuwsch „S/er der Zeequot; beteekent.

En waarlijk, zegt de H. Bernardus, de Moeder Gods kon geen naam dragen, die haar beter paste, of hare hooge waardigheid schooner uitdrukte. Maria is inderdaad, die schoone en schitterende ster, die over de groote en stormachtige wereldzee hare stralen schiet.

Bemerking. Evenals haar Goddelijke Zoon komt ook de Moeder des Verlossers onbekend, arm en nederig ter wereld.

X X

Welk voorbeeld, welke les wordt ons gegeven door Maria en haar goddelijken Zoon; hoe wij namelijk de aardsche rijkdommen moeten gering schatten in vergelijking met de hemelsche goederen.

Tgt;c Soctr^C-iclic^rniiUi üan lostij.

( Vervolg?)

.-«kalleen broeder Wouter bleef eenige aan-dacht aan zijn beeld wijden. In den zomer van 1381, toen de geheele kapel van boven tot beneden beschilderd werd door „meester Jan van Vlijmenquot;, verzocht hij dezen ook zijn beeld te beschilderen. Dan, hij weigerde en verklaarde liet daarvoor niet geschikt. Toen ondernam onze broeder, met behulp van den zoon des

X

ocr page 43

TWEEDE DAG.

schilders, zelf het beeld te kleuren en op te halen, waardoor het, gelijk licht begrijpelijk is, een zeer potsierlijk aanzien verkreeg. Het geheel, doch vooral het gelaat was opzichtelijk geel, zoodat het volk den spot er mee begon te drijven, te meer toen onze broeder het nog met een mantel van gebloemde witte stof had omhangen en een kindje Jezus, aan de handen van spelende kinderen ontnomen, O. I.. Vrouw op den arm had geplaatst.

Het oogenblik was echter gekomen, waarop dit beeld aan de vergetelheid en de versmading zou worden onttrokken, want het was dit, om zoo te spreken, verworpen beeld, dat de H. Maagd wilde verheffen en tot hare goedgunstige inzichten bezigen. De oude rijmkroniek verhaalt dat onder anderen zekere burgeres zich in de kapel de spotternij had veroorloofd : „Jezus, wat is dat beeld misvormd en vergeeld !quot;.... Uenzelfden nacht verscheen haar de Heilige Maagd, omgeven van een hemelsch licht en sprak tot haar: ,, Waarom hebt gij gezegd, dat ik misvonnd ben 1 ik die schoon ben in hei eeuwige leven, in het hoogste des hemels ! Ik beveel U dus, dat gij tot | mij uwe toevlucht neemt om mu lijden te \ boven te komen en het eeuwige leven te verwervenquot;. Door deze bestraffing gansch ontsteld, spoedde zij zich des morgens naar de kapel, waar zij eene jonkvrouw bij het beeld in gebed vond, die zij vroeg het

37

X

ocr page 44

X

meimaand der genadeoorden.

beeld der Zoete-Lieve-Vrouw toch te doen beschilderen en den arm van het kindje Jezus te doen herstellen, er bijvoegende, dat zij bereid was daarvoor eene ruime gift bij te dragen.

Middelerwijl kwam eene andere vrouw de kapel binnen, die zich weder eene spotternij over de gele kleur van O. L. Vrouw veroorloofde. Doch „haar was wee te moede !quot; zegt het handschrift; zij viel ter aarde, en moest naar huis gedragen worden. Slechts na veertien dagen op het ziekbed te zijn uitgestrekt, en eveneens eene gift ter versiering van het beeld te hebben geofferd, herkreeg zij de gezondheid.

De wonderbare genezing van zekere vrouw Timmermans, die bijna drie jaren verlamd was geweest, was de aanleiding,dat besloten werd om het wonderbare beeld der koningin des hemels in eere te herstellen en rijk te doen versieren. Kn toen het daarna, schitterend van kleuren, in de kerk terugkwam, plaatste men het in de kapel, waar het nog staat, links van het hoofdportaal der kerk, waar het op een prachtigen troon verheven onder den titel van de Zoete-Lieve-Vrouw een voorwerp van al-gemeene vereering in deze gewesten is geworden.

Besluit. Knielen wij in den geest neder voor het beeld der Zoete-Lieve-Vrouw en vragen wij haar de onthechting aan de goederen en de grootheid der aarde.

3S

ocr page 45

■

xX M

^Dcuamp;c ^ag.

o^raatgrbcn üan jBaria.

Hare uitverkiezing vak eeuwigheid.

H. Bernardus roept bij de beschou-(pf? wing van Maria's grootheden in heilige vervoering uit: „Uitgelezen zijt gij, verhevene Maagd, als de zon; ik spreek echter niet van deze die boven onze hoofden schittert, maar van den Schepper daarvan; uitgelezen is Hij boven de millioenen van menschen, en gij boven de millioenen van vrouwen; uitgelezen is Hij onder al ',vat bestaat, en gij onder al, wat Hij gemaakt heeftquot;. De H. Bonaventura verklaart, dat alle heiligen te samen, wanneer ieder in zijn rang de hoogst mogelijke volmaaktheid bekwam, de volmaaktheden der Moeder Gods niet zouden evenaren. De heiligheid en de gratiën zijn onder hen verdeeld, en ieder hunner heeft zijne bijzondere gave ontvangen. maar de Heilige Maagd heeft met haren Zoon en door Hem deel aan de volheid der heiligheid, der gratiën en grootheden Gods. Daarom noemt de H. Augus-tinus haar „het werk van een eeuwig raadsbesluit;quot; als wilde hij zeggen, dat, bijaldien God voor de uitvoering zijner

K

)r

ocr page 46

x

40 meimaand der genade-oorden.

werken tijd tot overdenking noodig had, de eeuwigheid niet te lang zou zijn voor de vorming van een zoo edel en verheven schepsel.

TGctien hrr E}. ^naatjb.

De kinderjaren van Maria.

^e oude wet verplichtte de Joodsche Ws vrouwen tot eene plechtige zuivering in den tempel, waarbij zij haar eerstgeboren kind moesten opdragen. Anna volbracht dit wettelijk voorschrift tachtig dagen na de geboorte van Maria. De offerande aan den Heer bestond, naar gelang de ouders rijk of arm waren, in een lam en een tortelduif, of in twee tortelduiven. Maaide godvreezende Anna bepaalde zich niet bij de gebruikelijke offerande; waardig om op ééne lijn gesteld te worden met Anna, de moeder van Samuel, bood zij aan den Heer een reiner slachtoffer aan, eene duif, onschuldiger dan die, welke stuiptrekkend en bloedend onder het offermes viel; zij had geen gouden kroon, om deze uit dankbaarheid aan den tempelwand op te hangen; maar zij legde aan de voeten des Allerhoogsten de kroon van haren ouderdom neer, het kind, waarmede Hij haar gezegend had; zij bood Hem hare eenige dochter aan, en verbond zich plechtig deze naar den tempel terug te voeren en

gt;c

%

ocr page 47

DERDE DAG.

aan den dienst der heilige plaats toe te wijden, zoodra zij daartoe naar lichaam en geest geschikt zoude zijn bevonden.

Joachim, de „rechtvaardigequot;, de vader van Maria, bekrachtigde deze gelofte, die alzoo onaflosbaar verplichtend werd voor hem en zijne echtgenoote.

Nadat de plechtigheid der zuivering geschied, en de gelofte der opdracht van Maria was uitgesproken, hernamen de echtgenooten hun weg naar den geboortegrond, de landstreek Galilea.

Gelijk het algemeen gebruikelijk was onder de vrouwen van Juda, voedsterde Anna zelf haar gezegend kind, dat als met de moedermelk ook hare deugden overnam. Het kind van genade was in die prilste jaren de vreugde der familie en het groeide op als eene lelie, die niet den zoeten geur der hoop, zooals de H. Bernardus het dichterlijk uitdrukt, de lucht komt balsemen.

De beminnelijke Maria groeide op in jaren en in wijsheid voor God en hare ouders. Had Anna haar het voedsel geschonken, dan deelde zij haar ook in treffende lessen, geschikt om geest en hart te vormen, de spijs der ziel mede. Alle dagen werd de leesles, die in de middeleeuwen tot zooveel bevallige schilderstukjes aanleiding heeft gegeven, herhaald. Dan zat Joachims echtgenoote in een leuningstoel op eene verhevenheid neder, opende de gewijde bladen der heilige boeken en

____

41

ocr page 48

42 meimaand der genade-oorden.

prentte haar kind de eerste beginselen in van godsdienst en deugd. Het zachtaardig en bevallig kind, door bovennatuurlijk licht bestraald, wist zich de lessen door de Heilige Anna gegeven, op bewonderenswaardige wijze ten nutte te maken. Om hare vroegtijdige rijpheid van oordeel en wijsheid in woorden, op een tijdstip dat andere kinderen nog het gebruik van hun verstand missen, kon men van haar zeggen, dat zij als 't ware geen dageraad heeft gehad, maar van 't begin harer opkomst in vollen glans heeft geschitterd, gelijk de zon in de tropische gewesten.

Bemerking. — Het is onze plicht de heilige Anna na te volgen en ook aan onze kinderen van hunne teederste jaren af, de gehoorzaamheid aan God en de liefde voor zijne heilige geboden in te prenten. Gelukkig het kind, dat de leerstukken van den godsdienst met de moedermelk heeft ingezogen en zijne ziel daarmede in de eerste jaren mocht voeden! ... Dat het deze waarheden nooit vergete en zich daarvan niet verwijdere; ziedaar het zekerste middel om niet te ongelukkig te zijn in de ballingschap dezer wereld, en om in het toekomende leven het eeuwig geluk te verwerven.

^c

Xquot;

ocr page 49

derde dag.

Uc ^OEtE=X-iEbE^©rouln ban 25a^t8.

De Omgang. (*) (Vervolg).

Ondoenlijk is het, hier een overzicht, zelfs eene optelling te geven der wonderen, die van het laatst van 1391 af aan de voeten van het beeld der Zoete-Lieve-Vrouw plaats grepen. Treffend is het die wonderen in het oorspronkelijke te lezen, met al de persoonlijke bijzonderheden, die er bij vermeld worden. In 1382 en vooral in 1383 volgden die wonderen elkander op met eene snelheid, die de tijdgenooten met verbazing moet vervuld hebben; van alle kanten kwamen pelgrims opdagen om het wonderbeeld te vereeren en te verhalen welke weldaden zij door Maria's voorbede genoten hadden.

De kapel der Zoete-Lieve-Vrouw werd een heiligdom, eerbiedwaardig boven alle andere, en niets was te kostbaar om den luister te verhoogen, die er het wonderbeeld omringde. Een bijzonder feest werd er voor ingesteld, de „Ommegangquot;, wanneer het werd rondgevoerd door de straten der stad,

43

(*) Deze beschrijving, alsook vele andere verhalen dezer Meimaand, is genomen uit het standaardwerk: „Maria's Heiligdommenquot;, waartoe ons door de „Katholieke Illustratiequot; welwillend de vrijheid werd verleend. Wij stellen er prijs op haar daarvoor openlijk onzen hartelijken dank te betuigen.

X

Xquot;

ocr page 50

44 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

die de H. Maagd tot hare beschermvrouwe had gekozen. Moeilijk is het eene beschrijving te geven van dat schitterende volksfeest, dat zich in den loop der eeuwen min of meer wijzigde, maar altijd luisterrijker werd. Onder een gehemelte van goudlaken werd het beeld gedragen, dat omhangen was met een koninklijken mantel van hermelijn; de regeering der stad in plechtgewaad volgde het, met het kapittel der hoofdkerk en de kapelaans, die prachtige koorkappen droegen en vergulde heiligenbeelden in de hand hielden; de kloosterorden sloten zich bij den stoet aan met de begijnen, die in witte faliën gehuld waren. Al de ambachten der stad trokken vooruit met brandende kaarsen; zij waren gekleed in lange mantels, die alleen bij deze omgangen mochten gedragen worden, en aan het hoofd van iedere gilde verscheen haar banier en patroonheilige; de schutterijen kwamen op, in volle harnas, van top tot teen gewapend. De inwoners van Or-then, Vucht, den Dungen en Hintham namen aan den optocht deel, in hunne eigenaardige kleederdracht, met de beelden der beschermheiligen van die gemeenten, en gewoonlijk waren ook vreemde hooge geestelijken, zooals de abten van Bern, Tongerloo enz., bij het feest tegenwoordig. Maar behalve dit, verschenen in den omgang een aantal historische personen en voorstellingen, die met de Heilige Maagd in

X

ocr page 51

derde dag.

betrekking staan; zoo zag men er de profeten Isaïas, Jeremias, enz., die haar voorspeld hadden; de Apostelen, de Drie Koningen, omringd van een stoet dienaars en krijgsknechten ; koning David, Sint Christoffel met het Christus-kind beladen, en de kluizenaars; eindelijk volgde op wagens eene reeks tafereeelen uit het lijden des Heeren, zooals de geeseling, de kroning en de kruisdraging. Schitterend was deze optocht door zijne decoratiën en rijke kleedijen; een onnoemelijk getal pelgrims en vreemdelingen werden er elk jaar door naar den Bosch gelokt. Bovendien verschenen dikwijls boetelingen uit verre plaatsen, die in een lang linnen gewaad vóór het beeld gingen, hetzij om eene gelofte te kwijten, hetzij uit godsvrucht en boetvaardigheid. Op de markt was een groot prachtig altaar opgeslagen, versierd met festoens van pauwen veeren en bloemen; engelen, die velerlei speeltuig bespeelden, werden daarop geplaatst en hier hield de omgang rust. Het beeld werd op de estrade verheven, lofzangen en muziek weergalmden door de lucht en geheel die opgetogen menigte bracht hare hulde aan de Koningin der Engelen, met eene heerlijkheid en praal, die later nooit meer in de grijze hertogstad is gezien.

Besluit. Knielen wij eveneens eenige oogenblikken voor hare beeltenis neder, en vragen wij haar onze liefde en godsvrucht te willen vermeerderen.

45

quot;X

ocr page 52

^icrbc

45ronröcbcn üan alSaria.

Zij wordt door den H. Geest op eene

onuitsprekelijke wijze beschermd.

®e Heilige Kerkvaders zijn algemeen van ïp gevoelen, dat de Heilige Maagd inderdaad de beschermelinge is van den H. Geest, die, volgens den H. Anselmus, in haar is nedergedaald, en haar boven alle schepselen als zijne woonplaats heeft uitverkoren.

Een Engel Gods openbaarde aan de H. Birgitta, dat de H. Geest verbleef bij Maria, evenals eene bij reeds in den vroegen ' morgen de wacht houdt bij eene bloeiende roos, om zoodra de roos zich opent haren honig te vergaderen. De Engel voegde er nog bij, dat de H. Geest als de smeltoven was, waardoor Maria bekwaam gemaakt moest worden om Gods Heilige oogmerken te dienen. — De H. Maagd zelve verklaarde aan de H. Birgitta, dat, naarmate zij toenam in jaren, ook de H. Geest, die in haar woonde, hare ziel met kostbare geestesgaven verrijkte; en de H. Joannes Damascenus getuigt, dat zij in het huis Gods was geplant als een kostbare olijfboom, die de heerlijkste vruchten der heldhaftigste deugden voortbracht.

X

X

ocr page 53

X.

vierde dag.

quot;JEclien her ï|. jlSaaab.

Maria's opdracht in den tempel.

fog slechts drie jaren oud wist het wonderbare kind Maria, dat gehoorzaamheid de eerste deugd der jeugdige maagd moet zijn. -—- „Nu is het uur gekomen, Lieve Ouders, — zoo hooren wij haar zeggen, — om God het offer te brengen, dat gij Hem zoo plechtig beloofd hebt. Laat alle jonge maagden van onzen stam bij elkander komen en mij vergezellen naar het huis des Heerenquot;.og slechts drie jaren oud wist het wonderbare kind Maria, dat gehoorzaamheid de eerste deugd der jeugdige maagd moet zijn. -—- „Nu is het uur gekomen, Lieve Ouders, — zoo hooren wij haar zeggen, — om God het offer te brengen, dat gij Hem zoo plechtig beloofd hebt. Laat alle jonge maagden van onzen stam bij elkander komen en mij vergezellen naar het huis des Heerenquot;.

Daar gaat nu de heilige stoet. Eene dubbele rei van maagden in feestgewaad en met fakkels in de hand, gaat vooruit; Joachim en Anna met nog meerdere bloedverwanten volgen met de kleine Maria. Thans mag de gelukzalige Joachim, vrij van hoon, fier het hoofd opbeuren, en met de Heilige Anna, wier droefheid in vreugde veranderd is, bij de aanschouwing van Jeruzalem zijn hart lucht geven in rechtmatige vreugde.

Bij den tempel aangekomen koopen Jo-chim en Anna een lam zonder vlek en een gomor tarwebloem, om aldus volgens voorschrift der wet hun offer op te dragen. De vader en de moeder van de geliefde Bruid des Heeren geleiden de kuische Maagd bij de hand, en terwijl hare gezellinnen lofzangen aanheffen bestijgt zij alleen, zonder

47

X

ocr page 54

M yi

X.

48 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

hulp, met statige snelheid de vijftien marmeren trappen des Tempels, en spreekt; „God zal mijn deel en mijne vreugde zijnquot;. Daar zit de opperpriester op zijn kostbaren troon, omringd van eene menigte jonge maagden, die ook aan den dienst des Heeren zijn verbonden, — terwijl een ontelbare schare van zalige geesten van het Hemelsch Jeruzalem naar het aardsche afdalen om getuigen te zijn van de zielroerende opdracht hunner Koningin. Maria's teerminnende ouders dragen haar den Heer op, zeggende ; „Wij offeren aan God het geschenk, dat Hij zelf ons gegeven heeftquot;.

De hoogepriester nam met vreugde het dierbare pand, dat hem door God werd toevertrouwd aan, en sprak zijnen zegen uit over de heilige echtgenooten Joachim en Anna, evenals weleer in gelijke omstandigheden de zegenende hand van Heli nederdaalde over den godvreezenden Elkana en de niet minder deugdzame Anna, de gelukkige ouders van den jeugdigen Samuel. De plechtigheid eindigde met den hooge-priesterlijken zegen, die over de neergebogen menigte werd uitgesproken : „O Israël, de Eeuwige God schenke u voorspoed in alle ' ondernemiMgen en te allen tijd den vrede!quot; Nog een laatste jubel- en danklied op keurige wijze door de harpenaren begeleid, en de plechtige opdracht der H. Maagd in den Tempel van Sion is geschied. Daar werd nu deze hemelsche schat bewaard, gering

X

X

ocr page 55

vierde dag.

onder hare gezellinnen, maar groot in de oogen van God en der hemelingen. Dezen erkenden het teedere kindje als de Maagd door Isalas voorspeld, — de Beminde uit het Hooglied van Salomon, —- de nieuwe Eva, die kwam om de schuld der eerste Eva met hare tranen uit te wisschen; —• de lang beloofde vrouw die den verwachte van alle eeuwen, den Verlosser van het menschelijk geslacht, aan de wereld zou schenken.

De Heilige Joachim en Anna keerden terug naar hunne nederige woning te Nazareth, die door de afwezigheid van Maria wel veel van hare aantrekkelijkheid had verloren, maar waar toch ieder voorwerp herinnerde aan de teedere Maagd, welke daar verbleven had.

Bemerking. Maria, Joachim en Anna geven ons hier een treffend voorbeeld van gehoorzaamheid, toewijding en zelfverloochening. Volgen wij hen _na, in zooverre het mogelijk is; ondenverp'en wij ons gaarne aan den wil des Heeren en bewonderen wij in iedere gebeurtenis de wegen van Gods voorzienigheid.

SSoctc^XtcUe^DrDuln üan 's 23o5ctj.

(StoZ)

J^nafgebroken bleef gedurende twee eeu-wen, in den gulden katholieken tijd der middeleeuwen, de vereering der Zoete-Lieve-Vrouw te 's Bosch voortduren. De

49

Meimaand Genade-Oorden.

gt;r

4- %

ocr page 56

X

50 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

geschiedenis verhaalt ons menige gebeurtenis, waaruit blijkt, hoe hare vereering ook in den vreemde verbreid was, en zich ver buiten Noordbrabants grondgebied uitstrekte. Zoo melden ons de jaarboeken der stad, hoe de ongelukkige hertog Ar-noud van Gelder, door zijn ontaarden zoon gevangen genomen en zes jaren lang in het kasteel te Buren opgesloten, uit zijne gevangenis verlost, ter bedevaart toog naar 's Bosch en daar de Zoete-Moeder voor zijne bevrijding kwam danken.

Eveneens bracht Joanna van Castiliö bij haar huwelijk met Filips den Schoone, den toekomstigen vorst van een groot deel der Nederlanden, eene bijzondere hulde aan de Zoete-Lieve-Vrouw; uit het verre Spanje zond zij haar bruidskleed, een zeer kostbaar weefsel van goudlaken, aan de kapel ten geschenke.

Dan, op de jaren van heiligen godsdienstzin, van vrede en rust voor het katholieke Nederland, gingen jaren van woeling en oproer, ja van waanzinnigen godsdiensthaat volgen; en het is zeker niet zonder eene bijzondere voorzienigheid Gods geschied, dat gedurende die troebele jaren het miraculeus beeld van de Zoete-Lieve-Vrouw voor ons is bewaard gebleven. Heviger dan het vernielend vuur, dat tot viermaal toe, bij verschillende branden van kerk of kapel, het beeld der Zoete-Moeder bedreigde, woedde de vervolging in de laatste helft

X

ocr page 57

VIERDE DAG.

K

der i6de eeuw tegen den katholieken godsdienst en vooral tegen den eeredienst der beelden. Het was als een geweldige stormwind, die met vernielende kracht alles omverwierp. Binnen korten tijd waren meer dan vierhonderd der prachtigste kerken op bijna onherstelbare wijze verwoest; ook de St. Janskerk viel in de handen der beeldstormers. En ziet, terwijl van de overige beelden en sieraden der kerk een brandstapel werd opgericht, bleef het beeld der Zoete-Lieve-Vrouw, dat eveneens in hunne handen was gevallen, voor het vuur en de vernieling bewaard. Ofschoon voor korten tijd weder in eere hersteld, brak spoedig het tijdstip aan, waarop het beeld zijne bevoorrechte stad voor langen tijd zou verlaten. Bij het beleg en de overgave van 's Bosch op 14 September 1629 mocht het aan Bisschop Ophovius met moeite gelukken, het zoo hoog geëerde wonderbeeld in veiligheid te brengen. Het werd naar Brussel overgevoerd. Daar bleef het gedurende meer dan twee eeuwen in de kerk van Koudenberg, waar het door de Brusselaars in hooge eer werd gehouden. Toen er daarna voor de Katholieken in Noord-Nederland rustiger tijden waren aangebroken, mocht het Zijne Doorl. Hoogw. Mgr. Zwijsen z.g. gelukken op 27 December van het jaar 1853 het wonderbeeld wederom zegevierend de St. Janskerk binnen te voeren. Vijfentwintig jaren nadien, op

ocr page 58

48 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

hulp, met statige snelheid de vijftien marmeren trappen des Tempels, en spreekt; „God zal mijn deel en mijne vreugde zijnquot;. Daar zit de opperpriester op zijn kostbaren troon, omringd van eene menigte jonge maagden, die ook aan den dienst des Heeren zijn verbonden, — terwijl een ontelbare schare van zalige geesten van het Hemelsch Jeruzalem naar het aardsche afdalen om getuigen te zijn van de zielroerende opdracht hunner Koningin. Maria's teerminnende ouders dragen haarden Heer op, zeggende : „Wij offeren aan God het geschenk, dat Hij zelf ons gegeven heeftquot;.

De hoogepriester nam met vreugde het dierbare pand, dat hem door God werd toevertrouwd aan, en sprak zijnen zegen uit over de heilige echtgenooten Joachim en Anna, evenals weleer in gelijke omstandigheden de zegenende hand vaji Heli nederdaalde over den godvreezenden Elkana en de niet minder deugdzame Anna, de gelukkige ouders van den jeugdigen Samuel. De plechtigheid eindigde met den hooge-priesterlijken zegen, die over de neergebogen menigte werd uitgesproken : „O Israel, de Eeuwige God schenke u voorspoed in alle ondernemingen en te allen tijd den vrede!quot; Nog een laatste jubel- en danklied op keurige wijze door de harpenaren begeleid, en de plechtige opdracht der H. Maagd in den Tempel van Sion is geschied. Daar werd nu deze hemelsche schat bewaard, gering

X

X

ocr page 59

vierde dag.

onder hare gezellinnen, maar groot in de oogen van God en der hemelingen. Dezen erkenden het teedere kindje als de Maagd door Isalas voorspeld, — de Beminde uit het Hooglied van Salomon, — de nieuwe Eva, die kwam om de schuld der eerste Eva met hare tranen uit te wisschen; —■ de lang beloofde vrouw die den verwachte van alle eeuwen, den Verlosser van het menschelijk geslacht, aan de wereld zou schenken.

De Heilige Joachim en Anna keerden terug naar hunne nederige woning te Nazareth, die door de afwezigheid van Maria wel veel van hare aantrekkelijkheid had verloren, maar waar toch ieder voorwerp herinnerde aan de teedere Maagd, welke daar verbleven had.

49

Bemerking. Maria, Joachim en Anna geven ons hier een treffend voorbeeld van gehoorzaamheid, toewijding en zelfverloochening. Volgen wij hen na, in zooverre het mogelijk is; onderwerpen wij ons gaarne aan den wil des Heeren en bewonderen wij in iedere gebeurtenis de wegen van Gods voorzienigheid.

33c Sacti^TCicbeslDrouln ban '•3 25ajrlj.

(S/ot.)

^Onafgebroken bleef gedurende twee eeu-^ wen, in den gulden katholieken tijd der middeleeuwen, de vereering der Zoete-Lieve-Vrouw te 's Bosch voortduren. De

Meimaand Genade-Oorden.

ocr page 60

X.

52 meimaand der genade-oorden.

27 December 1878 werd het wonderbeeld,onder de uiting van uitbundige vreugde der gansche stad, door Mgr. Adr. Godschalk, uit naam van Z. H. Leo XIII op plechtige wijze gekroond. Blijve de Zoete-Lieve-Vrouw in Noordbrabants hoofdstad zetelen en door haar zachten invloed en wondere macht, gelijk weleer, het H. Geloof in veler harten bevestigen!

Besluit. Knielen wij eenige oogenblikken voor haar genadebeeld neder om de gave van een levendig en standvastig geloof af te smeeken.

X

X

ocr page 61

!0ijfiïc ba0.

«eroDtljcbcn ban jKaria.

Over de vermeerdering der genade in de Allerheiligste Maagd.

(TrtV weg des vromen, — zoo lezen wij quot;(fff in het Boek der Spreuken iv. 18, — is als een vonkelend licht, dat gedurig toeneemt tot op den vollen middagquot;. Voorzeker mogen wij deze woorden toepassen op Maria. De H. Schriftuur leert ons, dat zij in genade heeft kunnen toenemen, en dat hare ziel geheel haar leven door met meer genaden verrijkt is geworden. De genade werkt oogenblikkelijk; zij is als een zaad, dat in den schoot der aarde geworpen, in eens opschiet en vruchten voortbrengt. Wanneer eene ziel, door Gods genade getroffen, daaraan beantwoordt, dan opent God onmiddellijk de schatkamer zijner barmhartige liefde en ontvangt de ziel een krachtigen stoot om de verhevenste heldendaden van Christelijke deugd te verrichten. Aanschouw eene H. Magdalena, een H. Alexius en zoovele andere Heiligen, die hunne heiligheid danken aan dat oogen-blik, waarop zij den moed hadden de stem der genade te volgen. Zoo zal eveneens de eene ziel door eene akte van edelmoedige

X

X

ocr page 62

50 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

geschiedenis verhaalt ons menige gebeurtenis, waaruit blijkt, hoe hare vereering ook in den vreemde verbreid was, en zich ver buiten Noordbrabants grondgebied uitstrekte. Zoo melden ons de jaarboeken der stad, hoe de ongelukkige hertog Ar-noud van Gelder, door zijn ontaarden zoon gevangen genomen en zes jaren lang in het kasteel te Buren opgesloten, uit zijne gevangenis verlost, ter bedevaart toog naar 's Bosch en daar de Zoete-Moeder voor zijne bevrijding kwam danken.

Eveneens bracht Joanna van Castilië bij haar huwelijk met Filips den Schoone, den toekomstigen vorst van een groot deel der Nederlanden, eene bijzondere hulde aan de Zoete-Lieve-Vrouw; uit het verre Spanje zond zij haar bruidskleed, een zeer kostbaar weefsel van goudlaken, aan de kapel ten geschenke.

Dan, op de jaren van heiligen godsdienstzin, van vrede en rust voor het katholieke Nederland, gingen jaren van woeling en oproer, ja van waanzinnigen godsdiensthaat volgen; en het is zeker niet zonder eene bijzondere voorzienigheid Gods geschied, dat gedurende die troebele jaren het miraculeus beeld van de Zoete-Lieve-Vrouw voor ons is bewaard gebleven. Heviger dan het vernielend vuur, dat tot viermaal toe, bij verschillende branden van kerk of kapel, het beeld der Zoete-Moeder bedreigde, woedde de vervolging in de laatste helft

X

X

ocr page 63

VIERDE DAG.

der i6de eeuw tegen den katholieken godsdienst en vooral tegen den eeredienst der beelden. Het was als een geweldige stormwind, die met vernielende kracht alles omverwierp. Binnen korten tijd waren meer dan vierhonderd der prachtigste kerken op bijna onherstelbare wijze verwoest; ook de St. Janskerk viel in de handen der beeldstormers. En ziet, terwijl van de overige beelden en sieraden der kerk een brandstapel werd opgericht, bleef het beeld der Zoete-Lieve-Vrouw, dat eveneens in hunne handen was gevallen, voor het vuur en de vernieling bewaard. Ofschoon voor korten tijd weder in eere hersteld, brak spoedig het tijdstip aan, waarop het beeld zijne bevoorrechte stad voor langen tijd zou verlaten. Bij het beleg en de overgave van 's Bosch op 14 September 1629 mocht het aan Bisschop Ophovius met moeite gelukken, het zoo hoog geëerde wonderbeeld in veiligheid te brengen. Het werd naar Brussel overgevoerd. Daar bleef het gedurende meer dan twee eeuwen in de kerk van Koudenberg, waar het door de Brusselaars in hooge eer werd gehouden. Toen er daarna voor de Katholieken in Noord-Nederland rustiger tijden waren aangebroken, mocht het Zijne Doorl. Hoogw. Mgr. Zwijsen z.g. gelukken op 27 December van het jaar 1853 het wonderbeeld wederom zegevierend de St. Janskerk binnen te voeren. Vijfentwintig jaren nadien, op

'X

ocr page 64

X

52 meimaand der genade-oorden.

27 December 1878 werd het wonderbeeld, onder de uiting van uitbundige vreugde der gansche stad, door Mgr. Adr. Godschalk, uit naam van Z. H. Leo XIII op plechtige wijze gekroond. Blijve de Zoete-Lieve-Vrouw in Noordbrabants hoofdstad zetelen en door haar zachten invloed en wondere macht, gelijk weleer, het H. Geloof in veler harten bevestigen!

Besluit. Knielen wij eenige oogenblikken voor haar genadebeeld neder om de gave van een levendig en standvastig geloof af te smeeken.

$

A

'X

ocr page 65

ba0.

oJrootgcbcn ban jEaria.

Over de vermeerdering der genade in de Allerheiligste Maagd.

CpV' weg des vromen, — zoo lezen wij M'Sfê in het Boek der Spreuken iv. 18, — ts als een vonkelend licht, dat gedurig toeneemt tot op den vollen middagquot;. Voorzeker mogen wij deze woorden toepassen op Maria. De H. Schriftuur leert ons, dat zij in genade heeft kunnen toenemen, en dat hare ziel geheel haar leven door met meer genaden verrijkt is geworden. De genade werkt oogenblikkelijk; zij is als een zaad, dat in den schoot der aarde geworpen, in eens opschiet en vruchten voortbrengt. Wanneer eene ziel, door Gods genade getroffen, daaraan beantwoordt, dan opent God onmiddellijk de schatkamer zijner barmhartige liefde en ontvangt de ziel een krachtigen stoot om de verhevenste heldendaden van Christelijke deugd te verrichten. Aanschouw eene H. Magdalena, een H. Alexius en zoovele andere Heiligen, die hunne heiligheid danken aan dat oogen-blik, waarop zij den moed hadden de stem der genade te volgen. Zoo zal eveneens de eene ziel door eene akte van edelmoedige

%r

gt;c

ocr page 66

CUiccbc T'aij.

(Proatljcbcn ban Jllaria.

Zij is de Dochter des Eeuwigen Vaders, de Moeder van God den Zoon, dp: Bruid van den Heiligen Geest, en tegelijkertijd de Moeder, de Zuster, de Beschermvrouwe der Christenen.

£p^en kind, een dochtertje, een zwak erf menschelijk wezen wordt geboren. Dit teeder wicht, dat onder hare voorvaderen Salomon, David en Abraham telt, voert bij hare geboorte de eenvoudigheid, de zedigheid, de nederigheid in haar hofstoet mede; het heeft geen reden om aardsche praal te verlangen, maar zal voor ons het | toonbeeld van alle deugden zijn.

Welke vorstin echter kan met dit bevoorrecht kind in vergelijking komen ?

Diodorus Siculus verhaalt ons, dat de moeder van Simandius, koning van Egypte, op hare graftombe met drie kronen stond afgebeeld, om te beduiden, dat zij echt-genoote, dochter en moeder eens konings was. Galla Placidia overtrof haar, dewijl zij de dochter van Keizer Theodosius den Grooten, de zuster van keizer Honorius, de echtgenoote van Constantijn en de moeder van keizer Valentinianus was.

gt;c

X %

ocr page 67

33

Deze bijzondere titels, zoo zeldzaam in één persoon vereenigd, kunnen echter niet halen bij de eeretitels van het kind, waarvan wij spreken ; immers de aardsche grootheid dier vorstelijke vrouwen was van voor-bijgaanden aard, terwijl de voorrechten der kleine Maria eeuwigdurend zijn. Wat hare aardsche afstamming aangaat, hebben wij alle redenen om daarover met rechtmatigen trots te juichen; zij is de nazaat der patriarchen en der koningen; maar wat beteekent dit tegenover hare verwantschap met God! Als het kunststuk der schepping is zij de volmaakte Dochter des hemelschen Vaders, terwijl zij in het schoonste werk Gods, onze Verlossing, tot M oeder van God den Zoon en Bruid des Heiligen Geestes werd uitgekozen. Dientengevolge is zij tevens de zu st e r, de m o eder, de B e s c h e r m-vrouwe der Christenen geworden. Wij zijn allen broeders en zusters in Jezus Christus, dus is ook Maria onze zuster en tevens onze moeder. Van de stervende lippen des Verlossers op het kruis vloeiden de zoo zoete woorden ; „Vrouw, ziedaar uw zoon, — zoon, ziedaar uwe moederquot;, waardoor Hij haar aan ons tot moeder gaf en ons tot hare kinderen aanwees; en gedurende meer dan achttien eeuwen heeft Maria bewijzen te over geleverd, dat zij ons in waarheid heeft aangenomen en onder hare bescherming geplaatst.

3-

Meimaand Genade-Oorden

ocr page 68

^c

.*K

42 meimaand der genade-oorden.

prentte haar kind de eerste beginselen in van godsdienst en deugd. Het zachtaardig en bevallig kind, door bovennatuurlijk licht bestraald, wist zich de lessen door de Heilige Anna gegeven, op bewonderenswaardige wijze ten nutte te maken. Om hare vroegtijdige rijpheid van oordeel en wijsheid in woorden, op een tijdstip dat andere kinderen nog het gebruik van hun verstand missen, kon men van haar zeggen, dat zij als 't ware geen dageraad heeft gehad, maar van 't begin harer opkomst in vollen glans heeft geschitterd, gelijk de zon in de tropische gewesten.

Bemerking. — Het is onze plicht de heilige Anna na te volgen en ook aan onze kinderen van hunne teederste jaren af, de gehoorzaamheid aan God en de liefde voor zijne heilige geboden in te prenten. Gelukkig het kind, dat de leerstukken van den godsdienst met de moedermelk heeft ingezogen en zijne ziel daarmede in de eerste jaren mocht voeden I . . . Dat het deze waarheden nooit vergete en zich daarvan niet verwijdere; ziedaar het zekerste middel om niet te ongelukkig te zijn in de ballingschap dezer wereld, en om in het toekomende leven het eeuwig geluk te verwerven.

X %

ocr page 69

X.

X

derde dag.

©c 2ioctCï'ÏCicbc=Dcoulu ban '«S 23a5clj.

De Omgang. {*)

(Vervolg).

Ondoenlijk is het, hier een overzicht, zelfs eene optelling te geven der wonderen, die van het laatst van 1391 af aan de voeten van het beeld der Zoete-Lieve-Vrouw plaats grepen. Treffend is het die wonderen in het oorspronkelijke te lezen, met al de persoonlijke bijzonderheden, die er bij vermeld worden. In 13S2 en vooral in 1383 volgden die wonderen elkander op met eene snelheid, die de tijdgenooten met verbazing moet vervuld hebben; van alle kanten kwamen pelgrims opdagen om het wonderbeeld te vereeren en te verhalen welke weldaden zij door Maria's voorbede genoten hadden.

43

De kapel der Zoete-Lieve-Vrouw werd een heiligdom, eerbiedwaardig boven alle andere, en niets was te kostbaar om den luister te verhoogen, die er het wonderbeeld omringde. Een bijzonder feest werd er voor ingesteld, de „Ommegangquot;, wanneer het werd rondgevoerd door de straten der stad,

(•) Deze beschrijving, alsook vele andere verhalen dezer Meimaand, is genomen uit het standaardwerk: „Maria's Heiligdommenquot;, waartoe ons door de „Katholieke Illustratiequot; welwillend de vrijheid werd verleend. Wij stellen er prijs op haar daarvoor openlijk onzen hartelijken dank te betuigen.

gt;r

ocr page 70

X.

44 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

gt;lt;

die cle H. Maagd tot hare beschermvrouwe had gekozen. Moeilijk is het eene beschrijving te geven van dat schitterende volksfeest, dat zich in den loop der eeuwen min of meer wijzigde, maar altijd luisterrijker werd. Onder een gehemelte van goudlaken werd het beeld gedragen, dat omhangen was met een koninklijken mantel van hermelijn; de regeering der stad in plechtgewaad volgde het, met het kapittel der hoofdkerk en de kapelaans, die prachtige koorkappen droegen en vergulde heiligenbeelden in de hand hielden; de kloosterorden sloten zich bij den stoet aan met de begijnen, die in witte faliën gehuld waren. Al de ambachten der stad trokken vooruit met brandende kaarsen; zij waren gekleed in lange mantels, die alleen bij deze omgangen mochten gedragen worden, en aan het hoofd van iedere gilde verscheen haar banier en patroonheilige; de schutterijen kwamen op, in volle harnas, van top tot teen gewapend. De inwoners van Or-then, Vucht, den Dungen en Hintham namen aan den optocht deel, in hunne eigenaardige kleederdracht, met de beelden der beschermheiligen van die gemeenten, en gewoonlijk waren ook vreemde hooge geestelijken, zooals de abten van Bern, Tongerloo enz., bij het feest tegenwoordig. Maar behalve dit, verschenen in den omgang een aantal historische personen en voorstellingen, die met de Heilige Maagd in

gt;c

ocr page 71

-X

T

derde dag.

betrekking staan; zoo zag men er de profeten Isaïas, Jeremias, enz., die haar voorspeld hadden; de Apostelen, de Drie Koningen, omringd van een stoet dienaars en krijgsknechten ; koning David, Sint Christoffel met het Christus-kind beiaden, en de kluizenaars; eindelijk volgde op wagens eene reeks tafereeelen uit het lijden des Heeren, zooals de geeseling, de kroning en de kruisdraging. Schitterend was deze optocht door zijne decoratiën en rijke kleedijen; een onnoemelijk getal pelgrims en vreemdelingen werden er elk jaar door naar den Bosch gelokt. Bovendien verschenen dikwijls boetelingen uit verre plaatsen, die in een lang linnen gewaad vóór het beeld gingen, hetzij om eene gelofte te kwijten, hetzij uit godsvrucht en boetvaardigheid. Op de markt was een groot prachtig altaar opgeslagen, versierd met festoens van pauwen veeren en bloemen; engelen, die velerlei speeltuig bespeelden, werden daarop geplaatst en hier hield de omgang rust. Het beeld werd op de estrade verheven, lofzangen en muziek weergalmden door de lucht en geheel die opgetogen menigte bracht hare hulde aan de Koningin der Engelen, met eene heerlijkheid en praal, die later nooit meer in de grijze hertogstad is gezien.

Besluit. Knielen wij eveneens eenige oogenblikken voor hare beeltenis neder, en vragen wij haar onze liefde en godsvrucht te willen vermeerderen.

45

'X

ocr page 72

Picrbc

aTn'nntijrbrn lian jEaria.

Zij wordt door den H. Geest op eene

onuitsprekelijke wijze beschermd.

(pie Heilige Kerkvaders zijn algemeen van 'Jp gevoelen, dat de Heilige Maagd inderdaad de beschermelinge is van den H. Geest, j die, volgens den H. Anselmus, in haar is nedergedaald, en haar boven alle schepselen als zijne woonplaats heeft uitverkoren.

Een Engel Gods openbaarde aan de H. Birgitta, dat de H. Geest verbleef bij Maria, evenals eene bij reeds in den vroegen morgen de wacht houdt bij eene bloeiende roos, om zoodra de roos zich opent haren honig te vergaderen. De Engel voegde er nog bij, dat de H. Geest als de smeltoven was, waardoor Maria bekwaam .gemaakt moest worden om Gods Heilige oogmerken te dienen. ■— De H. Maagd zelve verklaarde aan de H. Birgitta, dat, naarmate zij toenam in jaren, ook de H. Geest, die in haar woonde, hare ziel met kostbare geestesgaven verrijkte; en de H. Joannes Damascenus getuigt, dat zij in het huis Gods was geplant als een kostbare olijfboom, die de heerlijkste vruchten der heldhaftigste deugden voortbracht.

X

X

ocr page 73

-sK

vierde dag.

XrUcn bcr If. jSaagb.

Maria's opdracht in den tempel.

.«WTog slechts drie jaren oud wist het wonderbare kind Maria, dat gehoorzaamheid de eerste deugd der jeugdige maagd moet zijn. — „Nu is het uur gekomen, Lieve Ouders, — zoo hooren wij haar zeggen, — om God het offer te brengen, dat gij Hem zoo plechtig beloofd hebt. Laat alle jonge maagden van onzen stam bij elkander komen en mij vergezellen naar het huis des Heerenquot;.

Daar gaat nu de heilige stoet. Eene dubbele rei van maagden in feestgewaad en met fakkels in de hand, gaat vooruit; Joachim en Anna met nog meerdere bloedverwanten volgen met de kleine Maria. Thans mag de gelukzalige Joachim, vrij van hoon, fier het hoofd opbeuren, en met de Heilige Anna, wier droefheid in vreugde veranderd is, bij de aanschouwing van Jeruzalem zijn hart lucht geven in rechtmatige vreugde.

47

Bij den tempel aangekomen koopen Jo-chim en Anna een lam zonder vlek en een gomor tarwebloem, om aldus volgens voorschrift der wet hun offer op te dragen. De vader en de moeder van de geliefde Bruid des Heeren geleiden de kuische Maagd bij de hand, en terwijl hare gezellinnen lofzangen aanheffen bestijgt zij alleen, zonder

x

X

ocr page 74

X quot;

48 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

hulp, met statige snelheid de vijftien marmeren trappen des Tempels, en spreekt; „God zal mijn deel en mijne vreugde zijnquot;. Daar zit de opperpriester op zijn kostbaren troon, omringd van eene menigte jonge maagden, die ook aan den dienst des Heeren zijn verbonden, — terwijl een ontelbare schare van zalige geesten van het Hemelsch Jeruzalem naar het aardsche afdalen om getuigen te zij n van de zielroerende opdracht hunner Koningin. Maria's teerminnende ouders dragen haar den Heer op, zeggende : „Wij offeren aan God het geschenk, dat Hij zelf ons gegeven heeftquot;.

De hoogepriester nam met vreugde het dierbare pand, dat hem door God werd toevertrouwd aan, en sprak zijnen zegen uit over de heilige echtgenooten Joachim en Anna, evenals weleer in gelijke omstandigheden de zegenende hand vaji Heli nederdaalde over den godvreezenden Elkana en de niet minder deugdzame Anna, de gelukkige ouders van den jeugdigen Samuël. De plechtigheid eindigde met den hooge-priesterlijken zegen, die over de neergebogen menigte werd uitgesproken ; „O Israël, de Eeuwige God schenke u voorspoed in alle ondernemingen en te allen tijd den vrede!quot; Nog een k-.atste jubel- en danklied op keurige wijze door de harpenaren begeleid, en de plechtige opdracht der H. Maagd in den Tempel van Sion is geschied. Daar werd nu deze hemelsche schat bewaard, gering

X

Xquot;

ocr page 75

aC

vierde dag.

onder hare gezellinnen, maar groot in de oogen van God en der hemelingen. Dezen erkenden het teedere kindje als de Maagd door Isalas voorspeld, — de Beminde uit het Hooglied van Salomon, -—- de nieuwe Eva, die kwam om de schuld der eerste Eva met hare tranen uit te wisschen; — de lang beloofde vrouw die den verwachte van alle eeuwen, den Verlosser van het menschelijk geslacht, aan de wereld zou schenken.

De Heilige Joachim en Anna keerden terug naar hunne nederige woning te Nazareth, die door de afwezigheid van Maria wel veel van hare aantrekkelijkheid had verloren, maar waar toch ieder voorwerp herinnerde aan de teedere Maagd, welke daar verbleven had.

Bemerking. Maria, Joachim en Anna geven ons hier een treffend voorbeeld van gehoorzaamheid, toewijding en zelfverloochening. Volgen wij hen ^na, in zooverre het mogelijk is; onderwerpen wij ons gaarne aan den wil des Heeren en bewonderen wij in iedere gebeurtenis de wegen van Gods voorzienigheid.

Sactcs'XicliEsPmiln Itan 's 23iiüclj.

{SA'/.)

49

lafgebroken bleef gedurende twee eeuwen, in den gulden katholieken tijd der middeleeuwen, de vereering der Zoete-Lieve-Vrouw te 's Bosch voortduren. De

Meimaand Genade-Oorder..

ocr page 76

X K

50 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

geschiedenis verhaalt ons menige gebeurtenis, waaruit blijkt, hoe hare vereering ook in den vreemde verbreid was, en zich ver buiten Noordbrabants grondgebied uitstrekte. Zoo melden ons de jaarboeken der stad, hoe de ongelukkige hertog Ar-noud van Gelder, door zijn ontaarden zoon gevangen genomen en zes jaren lang in het kasteel te Buren opgesloten, uit zijne gevangenis verlost, ter bedevaart toog naar 's Bosch en daar de Zoete-Moeder voor zijne bevrijding kwam danken.

Eveneens bracht Joanna van Castiliö bij haar huwelijk met Filips den Schoone, den toekomstigen vorst van een groot deel der 1 Nederlanden, eene bijzondere hulde aan ; de Zoete-Lieve-Vrouw; uit het verre Spanje [ I zond zij haar bruidskleed, een zeer kostbaar weefsel van goudlaken, aan de kapel ten 1 geschenke.

( Dan, op de jaren van heiligen godsdienstzin, van vrede en rust voor het katholieke I Nederland, gingen jaren van woeling en ; oproer, ja van waanzinnigen godsdiensthaat I volgen; en het is zeker niet zonder eene j bijzondere voorzienigheid Gods geschied, i dat gedurende die troebele jaren het mira-[ culeus beeld van de Zoete-Lieve-Vromv I voor ons is bewaard gebleven. Heviger dan het vernielend vuur, dat tot viermaal toe, bij verschillende branden van kerk of kapel, het beeld der Zoete-Moeder bedreigde, woedde de vervolging in de laatste helft

x

gt;

j

yi

ocr page 77

X—

VIERDE DAG. 5 I

1 der i6de eeuw tegen den katholieken godsdienst en vooral tegen den eeredienst der beelden. Het was als een geweldige stormwind, die met vernielende kracht alles omverwierp. Binnen korten tijd waren meer dan vierhonderd der prachtigste kerken op bijna onherstelbare wijze verwoest; ook de St. Janskerk viel in de handen der beeldstormers. En ziet, terwijl van de overige beelden en sieraden der kerk een brandstapel werd opgericht, bleef het beeld der Zoete-Lieve-Vrouw, dat eveneens in hunne handen was gevallen, voor het vuur en de vernieling bewaard. Ofschoon voor korten tijd weder in eere hersteld, brak spoedig het tijdstip aan, waarop het beeld zijne bevoorrechte stad voor langen tijd zou verlaten. Bij het beleg en de overgave van 's Bosch op 14 September 1629 mocht het aan Bisschop Ophovius met moeite gelukken, het zoo hoog geëerde wonderbeeld in veiligheid te brengen. Het werd naar Brussel overgevoerd. Daar bleef het gedurende meer dan twee eeuwen in de kerk van Koudenberg, waar het door de Brusselaars in hooge eer werd gehouden. Toen er daarna voor de Katholieken in Noord-Nederland rustiger tijden waren aangebroken, mocht het Zijne Doorl. Hoogw. Mgr. Zwijsen z.g. gelukken op 27 December van het jaar 1853 het wonderbeeld wederom zegevierend de St. Janskerk binnen te voeren. Vijfentwintig jaren nadien, op

ocr page 78

52 meimaand der genade-oorden.

27 December 1S78 werd het wonderbeeld, onder de uiting van uitbundige vreugde der gansche stad, door Mgr. Adr. Godschalk, uit naam van Z. H. Leo XIII op plechtige wijze gekroond. Blijve de Zoete-Lieve-Vrouw in Noordbrabants hoofdstad zetelen en door haar zachten invloed en wondere macht, gelijk weleer, het H. Geloof in veler harten bevestigen!

Besluit. Knielen wij eenige oogenblikken voor haar genadebeeld neder om de gave van een levendig en standvastig geloof af te smeeken.

V pk

ocr page 79

x

amp;:-s ^aS cj

DljfÖC balj.

i'roatljrbni ban aHaria.

Over de vermeerdering j)er genade in de Allerheiligste Maagd.

^6' KV.f ih's vromen, — zoo lezen wij quot;«rfi in het Boek der Spreuken iv. 18, — is als een vonkelend lieltl, dat gedurig ioe-?leemt iot op den vollen middagquot;. Voorzeker mogen wij deze woorden toepassen op Maria. De H. Schriftuur leert ons, dat zij in genade heeft kunnen toenemen, : en dat hare ziel geheel haar leven door met meer genaden verrijkt is geworden. De genade werkt oogenblikkelijk; zij is als een zaad, dat in den schoot der aarde geworpen, in eens opschiet en vruchten voortbrengt. Wanneer eene ziel, door Gods I genade getroffen, daaraan beantwoordt, dan opent God onmiddellijk de schatkamer zijner barmhartige liefde en ontvangt de ziel een krachtigen stoot om de verhevenste heldendaden van Christelijke deugd te verrichten. Aanschouw eene H. Magdalena, een H. Alexius en zoovele andere Heiligen, die hunne heiligheid danken aan dat oogen-blik, waarop zij den moed hadden de stem der genade te volgen. Zoo zal eveneens de eene ziel door eene akte van edelmoedige

e^se^is

ocr page 80

54 meimaand der genade-oorden.

liefde tot ('rod in één oogenblik tot hooger volmaaktheid komen dan de andere, na jaren lang hare gewone oefeningen van godsvrucht verricht te hebben.

De Heilige Kerkvaders toonen ons aan, dat de genade in Maria onophoudelijk werkzaam is geweest en vermeerderd is. De grootste Heiligen hebben uren, soms dagen gekend, waarop de genade in hen geen voortgang maakte. Maria kende zulke oogenblikken niet; bij iedere schrede, die zij deed, bij iedere gedachte, welke zij in haren geest vormde, werd de genade in haar vermeerderd. Vooral moest Maria in genade toenemen gedurende haar verblijf in den tempel; haar zielverheflende overwegingen, haar brandende liefde, haar geestelijke samenspraken met de Engelen des Hemels, hare aanhoudende beoefening der heldhaftigste deugden, de blijvende invloed des H.Geestes maakten, dat Maria in dit aanvallige tijdperk haars levens het volmaaktste en gelukkigste schepsel der aarde was. Maria had een afschuw van het geringste kwaad, en dewijl zij ook in de kleinste zaken met stipte nauwkeurigheid den wil van God volbracht, mag men op haar toepassen, wat de koninklijke profeet zegt: „Geene plaag zal tot uwe tente naderenquot;. (Ps. xc. io.) Met eene zoete zielskalmte bewandelde Maria in engelachtigen vrede den weg der volmaaktheid.

ocr page 81

X-

vijfde dag. 55

'XcUcn bcr Ij. .lllaagb.

Maria ix den Tempel.

n2ij de Israëlieten, waar het eene oneer i was kinderloos te sterven, werd de ; maagdelijke staat slechts beleefd in de jeugd, en reeds zoo spoedig mogelijk besloten de jongelieden tot een eerzaam huwelijk. Toch droeg men den jongedochters, die in maagdelijke zuiverheid leefden, ware hoogachting toe, te meer nog dewijl men verwachtte, dat de Verlosser der wereld uit eene maagd zou geboren worden. Men leest daarom reeds van maagden, die aan den dienst van God waren toegewijd, vóór nog de gods- i dienstoefeningen in den Tempel te Jeruzalem plaats hadden. Later bewoonden dezen een afzonderlijk gebouw, als het ware een klooster in den tempel, stonden onder toezicht der godvruchtige vrouwen, die in den weduwlijken staat haar overige dagen wilden doorbrengen en in den Tempel in gestrenge afzondering leefden. — De opvoeding van Maria in den Tempel was geheel in overeenstemming met de omgeving, waarin zij leefde. Zij hield zich het meest bezig met huiselijke werkzaamheden. Wat een verschil tusschen de dochters van de koningen en grooten dezer aarde, die zich gaarne baden in wellust en geneugten van allerlei aard, en de dochter van God den Vader, de Koningin des Hemels! — Opgevoed volgens

ocr page 82

56 meimaand der genade-oorden.

de AVet en getrouw aan de overleveringen van haar volk, stond Maria reeds in den vroegen morgen op om haar gebed te storten dan, wanneer ,,de booze Engelen zwijgen, en de gebeden gereeder verhoord wordenquot;. Vervolgens hernam zij met hare gezellinnen ijverig haar dagelijksch werk. i Velen der maagden sponnen vlas of wol, ; anderen hielden zich onledig met weven; I sommigen leerden borduren of wisten op I kunstige wijze de stoffen te verven of te 1 versieren met gouddraad of ander borduurwerk. En Maria, zegt de H. Epiphanius, ' vond haar vermaak in de bezigheden, die het bewerken der wollen- en linnenstoffen j haar gaven. Zij overtrof alle andere maagden door haar vlijt en kunde zoozeer, dat zij aller bewondering wegdroeg. Vandaar dat men Maria wel eens afgebeeld vindt i met een spinrok voor zich, beladen met : ; kostbaren wollen draad, dien Maria op behaaglijke wijze door de vingers laat glijden. I Ter herinnering aan deze werkzaamheden i I door de Koningin der Engelen niet ver-I smaad, wijdden eertijds de godvruchtige Christen maagden, wanneer zij verloofd waren, aan Maria een spinrok toe, dat dan met kostbaar purper bekleed en beladen was met zuivere wol. Volgens den H. Ambrosius was Maria vlijtig aan den arbeid, maar ook tevens zeer naarstig in het lezen der j H. Schriftuur. De schoonste der lofzangen, het Magnificat toont ons, wat diepe kennis

ocr page 83

JC______________

VIJFDE DAG. 57

en welke verheven gedachten Maria's geest vervulden. Toch wilde Maria, met z.ulke buitengewone kundigheden toegerust, zich niet boven de andere maagden verheffen. Met alle zorg vluchtte zij de loftuitingen der menschen en zoo was zij gelijk aan eene heerlijk glanzende ster, achter het wolkenfloers verborgen.

bemerking. Maria hoorde de stem van God, die haar naar de eenzaamheid riep, en edelmoedig verlaat zij het zoete verblijf der ouderlijke woning om zich in den Tempel aan 's Heeren dienst toe te wijden. Voor eene ziel, die God alleen bemint en Hem alleen zoekt te behagen, is geen offer te groot, want zij begrijpt, dat hoe grooter haar offer is, des te grooter ook haar geluk zal wezen.

On.ic TCiclic JiH-nuln in 't Sanij tc luicnnanb.

TAnder de heiligdommen van Maria in Nederland, welke door talrijke pelgrims godvruchtig worden bezocht, bekleedt dat van Onze Lieve Vrouw in 't Zand te Roermond eene eerste plaats. Eene breede laan van lindeboomen, die in den zomer door hun schaduwrijk gewelf eene aangename wandelplaats vormen, geleidt, den vromen pelgrim naar het gehucht „het Zandquot; genoemd. Daar bevindt zich de kapel, waarnaast het klooster der Eerw. Paters

X X

ocr page 84

X.

—'—

58 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

Redemptoristen, die met den dienst in dezelve i belast zijn. In deze kapel, nog pas geheel . nieuw in sierlijken stijl opgetrokken, wordt lt; een miraculeus beeld vereerd van Onze : Lieve Vrouw, met het kind Jezus op den 1 rechterarm. Het kleine beeld is uit eikenhout gesneden, nog geheel ongeschonden \ en bezit de natuurlijke houtkleur. Eertijds was het evenwel beschilderd, wat men nog duidelijk kan zien aan de overblijfsels van verschillende verf en van het verguldsel.Een tamelijk zware krans, met schuine banden I en edelgesteenten, omringt het hoofd van I Onze Lieve Vrouw, dat ongesluierd is, en j waarlangs losse haarlokken weelderig ne-derhangen. Het kleed is dat der 14= eeuw. Jezus is voorgesteld blootshoofds, in een eenvoudig kleedje gehuld en met een appel in de linkerhand; de voetjes van het kind worden door de linkerhand der moeder j ondersteund. Beiden dragen thans eene j sierlijke gouden kroon op het hoofd. —■ 1 i In het jaar 1877 werd te Roermond een dubbel jubilé gevierd. Het was toen 75 ! jaren geleden, dat de kapel van 't Zand i (n 1. in 1802) wederom geopend was en tevens waren 50 jaren verloopen sinds Z. D. H. Mgr. Paredis z. g. als rector der kapel werd aangesteld. Naar aanleiding van dit feest machtigde Z. H. Paus Pius ix Mgr. Paredis om het beeld van O. L. V. in 't Zand plechtig te kronen, — een voorrecht, dat maar aan weinige beelden van Maria

%

ocr page 85

-.X

VIJFDE DAG.

geschonken wordt.—De beteekenis derplech-tige kroning van een beeld van O. L. V. moge hier eene verklaring vinden.—De Heiligen des Hemels worden door God gekroond, d. i. Hij schenkt hun het wonderbare licht der glorie, waardoor zij in staat zijn God zeiven te aanschouwen en in zijne aanschouwing eene onuitsprekelijke zaligheid te genieten. God kroont ook zijne uitverkorenen in den Hemel zóó, dat de ziel en later ook het verrezen lichaam glorie en heerlijkheid ontvangt. Wat God nu doet in den Hemel, dat bootst de H. Kerk op aarde na, dewijl zij begrijpt, dat zij in hare godsdienstige plechtigheden een afbeeldsel moet zijn van de zegepralende Kerk en haar eeuwigen godsdienst in den Hemel. Vandaar zien wij om het hoofd der Heiligen den nimbus of de stralenkroon, en vandaar ook in de Kerk het gebruik om bij buitengewone gelegenheden bijzonder bevoorrechte beelden, vooral beelden van Onze Lieve Vrouw, met eene kostbare gouden kroon te versieren, en aldus aan de H. Moeder Gods dankbare hulde te brengen en den luister van het genadebeeld te verhoogen.

Volgens het gevoelen van velen is de eerste openbare vereering van O. L. V. in 't Zand begonnen in 1435, ofschoon in twee akten van 1478 reeds melding gemaakt wordt van eene kapel in 't Zand. Hoe dit zij, omtrent den oorsprong van het

59

ocr page 86

W X

i 60 MKIMAAXD DER GENADE-OORDEN.

miraculeus beeld meldt de overlevering het volgende. Een herder, die menigmaal zijne schapen langs den weg, waar nu de kapel . ligt, liet grazen, haalde dit beeld op uit denzelfden put, waaruit thans de pomp, die zich in de kapel bevindt, haar water ontvangt. Vanwaar het beeld gekomen is, bleef een geheim. De herder vond in een zoogenaamd heiligenhuisje aan een boom langs den weg eene geschikte plaats om het beeld door de geloovigen te laten vereeren. Spoedig werd de wonderbare vinding van het beeld bekend en toen het God behaagde door zichtbare genezingen en wonderen het beeld van O. L. V. daar ter plaatse te verheerlijken, werd de devotie tot O. L. Y. in 't Zand algemeen.

Weldra werd men door veelvuldige bijdragen in staat gesteld eene steenen kapel te bouwen; deze werd met menige stichting begiftigd, en talrijke bedevaarten zag men toestroomen om Maria te Roermond te vereeren en te huldigen.

Besluit. Begeven wij ons in den geest naar het bevoorrecht genadeoord in 't Zand te Roermond, om aan Maria ijver en trouw in het vervullen onzer godsdienstige plichten | te vragen.

ocr page 87

«?root|}cbcn ban Jllnria.

Maria, onze hulp in het stervensuur.

ons eene allerheilzaamste les te geven en te laten zien, dat het leven van iederen mensch, hij moge zelfs koning of keizer zijn, in zijne hand is, zond God den Profeet Isaïas tot den godvreezenden koning Ezechias, met de boodschap; „Sul orde op dc zaken van uw huis, wan/ gij sul/ siervenquot;. (/gt;. xxvm. i). Allen, die onverwachts door den dood overvallen worden, zonder dat zij nog ernstig aan liet werk hunner zaligheid gearbeid hebben, sterven, zooals de Heiligen zeggen, in het midden hunner dagen. Zij kunnen niet spreken, zooals Jezus: „Ik heb het werk mij opgelegd volbrachtquot;, of met den Apostel Paulus: „Ik heb mijn levensloop voleindquot;. De HH. Kerkvaders noemen Maria ,,de deur des Hemelsquot;, omdat alle goed, dat wij van God ontvangen, ons door Maria's hand wordt toegedeeld, en omdat allen, die den Hemel binnentreden, door tusschenkomst van Maria hunne zaligheid verwerven. Een waar dienaar van Maria mag rekenen op het troostvol voorrecht van een zacht en

ocr page 88

X_________________X

02 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

gerust stervensuur, terwijl zij, die haren dienst blijven versmaden in die gewichtige stonde niet op haar machtigen bijstand mogen vertrouwen. Gelijk zij het leven van hare ware vereerders immer met welgevallen heeft gadegeslagen, zoo zal zij ook niet nalaten in het uur van hunnen dood tegenwoordig te zijn, hen te ondersteunen in den laatsten strijd en hen te brengen naar den Hemel, waar zij zullen beloond worden voor de deugden, welke zij op het voorbeeld van Maria beoefend hebben.

Als eene welkome hemelbode zal Maria plaats nemen aan de stervenssponde harer vereerders en hunne ziel de troostvolle woorden toefluisteren van den Apostel der liefde: „Zalig zijn de dooden, die in den Heer sterven. Van nu af reeds, zegt de H. Geest, zullen zij rusten ''au hunnen arbeid, want hunne werken volgen henquot;. Openb. xiv. •— Maria zegt hun, dat nu in hen vervuld worden de woorden uit het Boek Job ii, 16: „Des avonds zal uw licht als eene middagzon schijnen, en als gij meent, dat het met U gedaan is, rijst gij op als eene morgensterquot;; dat wil zeggen; in zijn stervensuur zal de rechtvaardige zich reeds verblijden in de zoete verwachting der eeuwige vreugde, welke hem wacht; en terwijl de booze tranen weent van bittere spijt, zal de brave getroost worden door Jezus en Maria, op wie hij zijn vertrouwen gesteld heeft.— In de levens van verschillende

X X

ocr page 89

zesde dag.

heiligen vinden wij vermeld, hoe zij het voorrecht ontvingen in het uur van hunnen dood op zichtbare wijze door Maria geholpen te worden.

'JCcimi bcr jEiaartb.

Maria ouderloos.

[aria mocht zich beroemen op alle hoe-danigheden, die haar bij hare stam-genooten in hooge eer konden brengen, en het zou haar, toegerust als zij was met buitengewone gaven naar ziel en lichaam, geene moeite gekost hebben om door iedereen vereerd te worden en een schitterend huwelijk aan te gaan. Doch Maria koos God tot Bruidegom door het afleggen dei-belofte van zuiverheid. Door deze belofte brak Maria met de gebruiken der Oude Wet en was zij de voorbodes der Nieuwe Wet. Gelijk de H. Johannes de Dooper uitverkozen was om de voorlooper te zijn des Verlossers, zoo was Maria's zuiverheid als eene voorspelling van de verhevene deugden, waartoe het Evangelie den mensch zou aansporen en als een frissche en heldere morgenstond voor den dag des heils, die ging aanbreken.

ét

,, Waar de scha/ des mcnschcn is, daar is ook zijn hartquot;, zoo verklaart ons de H. Schriftuur. Joachim was reeds oud geworden.

gt;r

ocr page 90

T

-X I yi

64 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

en niet meer in staat om met eigen handen zijn vaderlijk erfgoed te bearbeiden. Dewijl hij dus tot eene soort van werkeloosheid gedwongen was en hem niets meer trok om te Nazareth te blijven wonen, verliet hij, mede op verlangen van Anna, het land van Galilea en ging met haar wonen in de nabijheid van den tempel, waar hunne dochter verbleef.

Niet lang echter genoten de beide ouders dit zaligend bewustzijn. De H. Joachim werd door God weldra tot een beter leven opgeroepen en stierf, volgens eene geloofwaardige legende, in zijn 8ostlt;: levensjaar, toen Maria haar i2lle jaar was ingetreden.

Toch daalde hij niet in het graf, vóórdat hij eene openbaring ontvangen had omtrent de hooge waardigheid, waartoe zijn eenig kind geroepen was, noch vóórdat hij met eigen oogen de Engelen gezien had, die over zijne dochter waakten.

Deze eerste droevige gebeurtenis werd spoedig door eene andere gevolgd, die nog meer het kinderlijk hart van Maria treffen moest. De godvruchtige Anna volgde spoe- j dig haren man in het graf. Zoo wilde God, dat de banden des bloeds, welke de Heilige Bruid des Heeren nog aan de aarde konden hechten, zouden verbroken worden, en zij alleen bij Hem troost en versterking zoude vinden. Dit begreep Maria, en hoe groot hare droefheid ook mag geweest zijn, hare volkomene onderwerping

*

gt;c

ocr page 91

-X

ZKSDE DAG,

aan Gods wil leed daaronder niet. Zoo leerde zij ons, dat beide stemmingen des gemoeds zeer goed samengaan. De gelatenheid en de stille berusting in de beschikkingen van God dooven het gevoel der menschelijke natuur niet uit; integendeel, zij adelen en heiligen het.

Bemerking. —- Wij moeten aan de H. Maagd twee genaden vragen, die wij hoog noodig hebben;

10. Om, even als zij, met gelatenheid te berusten in Gods heiligen wil, als de dood eene smartelijke scheiding tusschen ons en onze dierbaren komt maken.

6;

20. Om den tegenspoed, die ons treft, te gebruiken als een middel om vele verdiensten voor den Hemel te vergaderen.

Onsc quot;ÏC-iclic Puniilu iu 'r Sanb te lïDcnnonb.

(pie openbare vereering van O. L. V. in lp 't Zand werd in den loop der tijden dikwijls onderbroken. Tengevolge van herhaalde belegeringen der stad had hare kapel veel te lijden; telkens evenwel werd deze door de goede zorgen der geestelijkheid en der geloovigen hersteld. — De geschiedenis vermeldt ons twee feiten, waaruit blijkt hoe algemeen in de i7dt: eeuw de vereering was van O. L. V. in 't Zand. Bij gelegenheid der jaarlijksche processie

Meimaand Genade-Oorden.

quot; V

ocr page 92

X «

r

66 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

door de stad op het feest der H. Drievuldigheid ontstond er in 1665 een vreeselijke brand, waardoor kerken, kloosters, vele huizen, ook het paleis van den Bisschop, werden in asch gelegd. Waar zou de Bisschop met zijn volk troost gaan zoeken? Bij O. L. V. in 't Zand. En Maria schonk uitkomst; op raad van den Bisschop verspreidden zich de geloovigen in de omliggende plaatsen en vonden daar een liefdevol onderkomen. — In 1683 had de bekende belegering plaats van Weenen door de Turken. Om den zegen over de Christen-wapenen af te smeeken, werd het beeld van Ü. L. V. in 't Zand, op aanraden van eene vrome vrouw, Johanna van Randen-raedt geheeten, beurtelings in de verschillende kerken der stad Roermond met groote plechtigheid vereerd. En de uitkomst ? De Turken werden verslagen en op het oogen-blik dat de overwinning plaats had, kreeg de godvruchtige Johanna door openbaring daarvan kennis. — Zooals begrijpelijk is, werd de toeloop der pelgrims door deze buitengewone gebeurtenis in niet geringe mate vermeerderd. —

De ruimte ontbreekt ons om de verdere lotgevallen der kapel van O. L. V. in 't Zand op den voet te volgen.

Alleen willen wij nog wijzen op de breede vlucht, die de vereering van het wonderbeeld in den laatsten tijd genomen heeft. Talrijke processien met honderden pelgrims

gt;c

ocr page 93

X. ^

S{f\

zesde dag. 67

gt;c

verdringen zich telken jare om de „Hulp der Christenenquot;. Vooral bij de plechtige kroning van het genadebeeld op 19 Augustus 1877 was de toeloop van pelgrims uitgelezen en groot. Tallooze geestelijken, waaronder Z. E. de Pauselijke Internuntius, Mgr. Capri, woonden de plechtigheid bij, welke verricht werd door Mgr. Paredis z.g. te midden van duizenden geloovigen, die godvruchtig rondom Maria's beeltenis lagen neergeknield. Niet minder talrijk waren de processiën bij gelegenheid van het 450-jarig feest der vereering van het wonderbeeld. Duizenden pelgrims, zoo uit Nederland als Pruisen, togen door de rijk versierde stad en de in gouden glans stralende ka-pellerlaan naar Maria's genadeoord. Menigvuldige genezingen en wondervolle ge-bedsverhooringen hadden plaats en Maria's genadestroomen vloeiden milder dan ooit in de harten van hen, die haar hunne hulde kwamen bieden. Zoowel de dankbaarheid dergenen, die Maria's hulp mochten ondervinden, als de voortdurende wonderbare genezingen, en de uitkomst in de moeilijkste zaken, welke aldaar verkregen worden, trekken steeds meer pelgrims tot deze bevoorrechte plek.

Besluit. Knielen wij bij O. L. Vr. in 't Zand een oogenblik neder, om den geest des gebeds af te smeeken.

ocr page 94

Ecücnbc

ti3raatijcbcii ban Jllana.

Als bruid van den H. Jozef. ..quot;jTm de orde der natuur wordt ons oog ; (i'j; bekoord, wanneer wij zien hoe de wijn- | gaard rijkelijk met druiven beladen is en een ruimen oogst belooft; — in de orde | der genade is de lelie der maagdelijke zuiverheid de bekoorlijkste bloem, welke den tuin der Heilige Kerk versiert. Maar het voorrecht, dat Maria alléén mocht bezitten, haar Maagdelijk Moederschap, overtreft alles. Onze Heer Jezus Christus wilde, dat Maria een voorbeeld zou wezen voor eiken staat, waarin de kinderen van haar geslacht kunnen leven, en dat zij ook zou uitblinken in die deugden, welke ! een sieraad zijn voor elke christelijke huismoeder. •—• Is er wel bijna schooner levenstaak denkbaar, dan die eener zorgvuldige moeder en echtgenoote ? Hoe gaarne vermelden wij de eerbewijzing, waarmede Sara haren man Abraham overlaadde, en hoe Abraham wederkeerig haar i ware hoogachting en toegenegenheid toe- i droeg. Hoe aangenaam is het ons te wijzen op eene Heilige Monica, die ondanks de verkeerde inborst van haren man, hem toch met de teederste liefde beminde.

%

ocr page 95

_

ZEVENDE DAG. 69

Doch het schoonste voorbeeld levert ons Maria. Zonder twijfel stond de Heilige Jozef in allerlei opzichten ver beneden haar; toch erkende Maria in hem den drager van het gezag en immer gedroeg zij zich als zijne nederige, gehoorzame, eerbiedige dienares. quot;Waakzaam op hare tong, ingetogen en eenvoudig, wisselde zij haar handwerk met gebed af. (Jeen arbeid achtte zij beneden zich en juist door hare diepe nederigheid heeft zij zich de schoonste parel verworven, welke hare hemelsche kroon versiert. De legende verhaalt ons, dat Maria steeds wollen kleederen droeg, ; die zij zelve gesponnen en gemaakt had. (quot;*) Maria, de Koningin des hemels en der aarde verkwistte haar tijd niet met zich op te tooien, zooals sommige wereldsche vrouwen doen, ten einde, zooals zij voorgeven, : hare mannen te behagen. De gehoorzaam-, heid, de zedigheid, de eenvoud der H. Maagd ; navolgen, ziedaar een plicht der christelijke ^ echtgenoote.

! Maria vluchtte de wereld en leefde in I de eenzaamheid, alléén met goddelijke zaken bezig, en herhaalde dikwijls bij zich zelve; „Gij, o Heer, zijt de God mijns hartenquot;.

{*) Ook het kleed zonder naad dat Onze lieer Jezus Christus gedragen heeft en waarvan in liet Evangelie sprake is, zou door Maria's handen gemaakt zijn.

ocr page 96

__—-X

70 meimaand der genade-oorden.

Xclicn brr l). jBaagb.

Maria als jonge dochter.

5jV:a den dood van Maria's ouders droeg %p, Zacharias, de man der H. Elisabeth, de naaste bloedverwant van Maria, die tevens priester was, zorg voor haar; de hoogepriester des tempels stond hem in deze ter zijde. Toen Maria nu haar 14e jaar nabij was, gaf de Hoogepriester aan haar, evenals aan de andere maagden des tempels, verlof om naar hare vorige woonplaats terug te keeren en daar, volgens het algemeen gebruik des lands een huwelijk aan te gaan. Doch hoe kon Maria zich naar dit landsgebruik schikken, wijl zij zich onherroepelijk aan den Heer had toegewijd? De Hoogepriester geraakte daardoor niet weinig in verlegenheid. Van den eenen kant mocht hij Maria niet noodzaken hare belofte te verbreken, en van den anderen kant was het ongehoord en betaamde het niet, dat eene huwbare maagd haar leven in den tempel doorbracht. Daarom wist de hoogepriester niet beter te doen, dan de voornaamste bloedver- ' wanten van Maria en eenige andere aanzienlijke personen bij zich te ontbieden, ten einde te beraadslagen, wat in het onderhavige geval gedaan moest worden. Men besloot door een gezamenlijk gebed God te raadplegen; en hun allen werd

ocr page 97

zevende dag.

, door den Hemel ingegeven, dat zij de jeug-j dige maagd moesten verloven aan iemand, :j die zich verplichten zou lare belofte van eeuwige zuiverheid te eerbiedigen. (H. Greg, van Nyss. Over de Geboorte.) — Zooals eene vrome legende (') vermeldt, werd op Gods ingeving de keuze door het lot bepaald en aldus werd de Heilige Jozef als ' bruidegom van Maria aangewezen. De H. Hieronymus verhaalt ons, dat de Hemel deze uitverkiezing door een wonder bekrachtigde. üe verschillende mannen, die volgens de Wet recht hadden om Maria tot bruid te ontvangen, zouden des avonds hunne wandelstaven neergelegd hebben in i den tempel. Degene, wiens staf den volgenden morgen bloeide, zou de gelukkige bruidegom wezen. En zie, gelijk eenmaal de amandelroede van Aaron, zoo bloeide nu de roede van den H. Jozef, den oudste en den armste van allen, aan wien men het minste gedacht zou hebben. — In de geschiedenis der Karmelieten-orde lezen wij, dat op het zien van dit wonder een rijke jongeling, die ook de hand van Maria begeerde, van teleurstelling zijne roede in stukken brak en zich in eene der spelonken van den berg Karmel bij de volgelingen van Elias aansloot.

Bemerking. — Evenals wij in het leven van Maria zichtbaar de leiding Gods

(') S. Germ. CP. De Oblat.Virg,

%

ocr page 98

X--------X

72 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

erkennen, en Maria zich gaarne naar deze voegde ; zoo geschiedt ook al wat ons overkomt niet zonder den wil of de toelating 1 Gods, en moet ook ons gedrag overeenkomen met het gebed dat wij dagelijks bidden: „Uw wil geschiedequot;.

On^c ICiclic Bcoulu Ccr %nihc tc tl ben.

gelijk menigwerf het geval is met de ~r eerste geschiedenis van een wonderbeeld, ligt ook de oorsprong van het genadebeeld van O. L. Vr. Ter Linde te Uden in het duister. Voor den eenvou-digen geloovige is het intusschen voldoende te weten, dat de Almachtige God bij voorkeur onze gebeden verhoort, als wij neerknielen voor dusdanig Maria-beeld om dit te maken tot een voorwerp onzer godsdienstige vereering.

Eene eerbiedwaardige overlevering verzekert, dat ter plaatse, waar zich nu de ronde kapel bevindt, vroeger een lindeboom stond, waarin het houten beeld van Onze-Lieve-Vrouw gevonden werd. De volksmond verhaalt, dat het beeld uit dezen boom gegroeid is. Dit is zeker, dat het overoude beeld uit lindenhout bestaat, en uitmunt door eenvoud en schoonheid. — Wat een treffende gelijkenis in de gelaatstrekken van Maria en het kleine Kind Jezus! Wat eene uitdrukking van liefde en

gt;C ■gt;lt;

ocr page 99

gt;c

X

ZEVENDE DAG,

73

barmhartigheid! Met recht zoekt men in zulk beeld meer dan menschelijke kunst!

Reeds in het midden der 15e eeuw was de vereering van O. L. V. Ter Linde in den omtrek van Uden algemeen, zooals blijkt uit verschillende stukken van dien tijd. — Zij verspreidde zich nog meer, toen later, omstreeks 1650, de Eenvaarde Kruis-heeren met de bediening der Onze-i.ieve-Vrouwe-kapel belast werden. Deze kloosterlingen, wier Orde nog in onze dagen „door kloosterdeugd en regeltucht bloeit en den goeden geur van Christus verspreidtquot;, (1) werden na de inname van 's Bosch door Frederik Hendrik in 1629 uit de stad verdreven. Eenigen tijd verbleven zij te Schijndel en vonden daarna een toevluchtsoord te Uden in het Land van Ravenstein. Eenige jaren nadat het heiligdom van Maria aan de zorg der Kruisheeren was toevertrouwd, bouwden zij een nieuw klooster in de nabijheid der O. L. Vrouwe-kapel. Deze oude kapel werd ook door eene nieuwe vervangen, die, in Romaanschen stijl opgetrokken,

{') Aldus het maandschrift „De Rozenkransquot;, bij gelegenheid der bevestiging van het buitengewoon voorrecht der Kruisheeren, om Pater-nosters te wijden, waaraan voor het bidden van een „Onze Vaderquot; of „Wees gegroetquot; een aflaat van 500 dagen verbonden is. Om dezen aflaat te verdienen is het niet noodig een geheel Rozenhoedje te bidden, zooals dat bij andere Pater-nosters wèl vereischt wordt.

X

ocr page 100

T

X

p

74 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

vooral na de inwendige keurige beschildering een waardig verblijf voor het wonderbeeld mag genoemd worden. — Honderd jaren zijn verloopen, gedurende welke, ten gevolge van verschillende den godsdienst vijandige wetten, het bestaan der Kruisheeren en tevens de openbare vereering van O. L. Vrouw Ter Linde werd bedreigd. Maar God waakte over Maria's eeredienst, en na een tijdperk van betrekkelijke kwijning zien wij èn de Orde van het H. Kruis, èn de vereering van O. L. Vrouw Ter Linde weder groeien en bloeien en de heilzaamste vruchten voor tijd en eeuwigheid afwerpen.

Talrijke processies en godvruchtige Ver-eenigingen bezoeken jaarlijks dit Heiligdom van Maria. Wij noemen slechts de 's Bossche processie, die sedert eeuwen reeds bestaat, en in het jaar 1724 als Broederschap werd opgericht. Bij gelegenheid van het i5oja-rig bestaan dezer Broederschap werd in den muur der kapel van Onze-Lieve-Vrouw een gedenksteen geplaatst, waarop het miraculeus beeld, staande in een lindeboom is uitgehouwen. — De Nijmeegsche processie bezoekt ook jaarlijks met hare talrijke pelgrims O. L. Vrouw 'l'er Linde en trekt tevens onder het luiden der klokken met hare ontplooide banieren en fraaie ornamenten naar de verschillende kerken van Uden. Het naburige Zeeland bezoekt eveneens jaarlijks processies-gewijze

ocr page 101

%__________X

zevende dag. 75

O. L. V. Ter Linde, terwijl de Udenaren zelf om de twee jaren gezamenlijk een bezoek brengen aan hunne veelgeliefde Moeder. Of er ook wonderbare genezingen zijn geschied op voorspraak van O. L. Vrouw Ter Linde ?

De geschiedenis vermeldt er vele. Doch wilt gij Maria's gunsten en wondere genaden kennen, vraag het dan aan iedere katholieke moeder te Uden en in den omtrek, waar hare tranen gedroogd, haar zielewee verzacht, hare wenschen vervuld werden, en zij zal u wijzen naar O. L. Vrouw Ter Linde.

Wilt ook gij, godvruchtige Lezer, u overtuigen van Maria's macht en goeder- ■ tierenheid, hoe zij te recht als „Behoudenis der krankenquot; en „Toevlucht der zondarenquot; te Uden wordt vereerd, ga dan zelf ter bedevaart naar O. L. Vrouw Ter Linde, en zij zal ook in u toonen, dat hare moederliefde geen grenzen kent !

Besluit. Sluiten wij ons aan bij de vereering der vervlogene eeuwen, om door Maria's voorspraak een levendig vertrouwen op God te verkrijgen in geestelijke en tijdelijke aangelegenheden.

ocr page 102

Hcljtétc ö?aij.

a?raatjjcbcn linn jEüim.

IX DKX HUWELIJKEN STAAT.

^'^fanneer ile oude bevolking van Jeruza-' lem zag hoe de straten der stad verlaten, hare poorten geslecht, aan hun volk alle oppermacht was ontnomen en hunne kinderen als slaven waren der vreemdelingen, die hen bespotten, minachtten en de uitoefening van hunnen godsdienst belemmerden, dan schreide zij droevige tranen. ])e verwarring in het Joodsche Rijk was algemeen. Doch de tijd was gekomen, van alle eeuwigheid door den Almachtigen God bepaald, waarop de H. Maagd, die aan de wereld den lang verwachten Verlosser moest schenken, van den Heiligen Geest ontvangen zou. — Wij kunnen ons voorstellen hoe God de aandacht der hemel-sche geesten vestigt op Maria, die zijn uitverkoren werktuig zal zijn in het Verlossingswerk, en hoe Hij tot hen zegt : gelijk er zonder mij niets gemaakt is, zoo zal er zonder haar niets worden hersteld.

De H. Geest zal afdalen over Maria en zij zal door Diens werking Moeder worden van Jezus Christus, den Verlosser der wereld, en tevens Maagd blijven. De H. jozef

ocr page 103

77

st.

ACHTSTE DAG.

X

toch was, zooals de H. Gregorius de Wonderdoener zegt, niets anders dan de bewaarder der zuiverheid van Maria. Een zuivere Geest, zegt de H. Petrus Chryso-logus, zal tot de Heilige Maagd nederdalen, nadat Hij door een getrouwen dienaar (den Engel) zich heeft laten aankondigen en Maria zich dus heeft voorbereid tot de groote dingen, welke God in haar zal uitwerken. Evenals het morgenrood de zon, de soldaat zijn overste, de bode de komst van een gezant aankondigt, zoo kondigde de Engel des Hemels de komst des H. Geestes aan. Doch wij spreken hier over een geheim, dat wij moeten gelooven, niet onderzoeken, dat wij moeten aanbidden, i maar niet kunnen begrijpen. — Hier neemt i een God in Maria de menschelijke natuur aan, hier omsluit Maria een Goddelijken Persoon; hier heeft het grootste wonder der eeuwen plaats.

TCrlmi bcr l). .iDaartb.

MARIA ALS JEUGDIGE ECHTGENOOT]-quot;,. £gegelijkeitijd, dat God op wonderbare Hp- wijze een bruidegom voor Maria liet uitkiezen, maakte Hij aan de jeugdige maagd bekend, dat deze man was rechtvaardig, bejaard en rijk in ondervinding, en dat hij voor haar zou wezen een trouwe beschermer.

gt;c

ocr page 104

ys meimaand der genade-oorden.

een liefderijke vader, die evenals zij, beloofd had in eeuwige zuiverheid te leven. Toen dan Maria geroepen werd om zich met den H. Jozef te verloven, was zij aanstonds bereid. Nu zij eenmaal den wil van God kende, aarzelde zij geen oogenblik om den prachtigen tempel met zijne zielverheffende plechtigheden en zijne welriekende reukwerken vaarwel te zeggen.

Na de viering van het huwelijk sloegen Maria en Jozef, begeleid van eenige dienaren des tempels en van hunne bloedverwanten den weg in naar Nazareth, waar voor een groot gedeelte de bezittingen der H. Maagd lagen en de woning van hare overledene ouders stond. Eenvoud was het grootste sieraad van dit huisje, hetwelk zich in niets van de andere onderscheidde. Leunend tegen de helling des bergs, was het voorste deel van steenen opgetrokken, terwijl het achterhuis aansloot bij eene spelonk, die in de rots was uitgehouwen.

Bemerking. — Maria werd niet verblind door de ijdelheden der wereld. Jeugdige jaren, noch lichamelijke schoonheid, -— rijkdom noch eeretitels, zijn in staat om haar te doen wankelen in het voornemen van in maagdelijke zuiverheid te leven. Hare belofte gaat voor alles. De arme en nederige grijsaard, haar door Ck)d aangewezen, is haar uitverkoren bruidegom; deze zal hare maagdelijke zuiverheid beschermen.

ocr page 105

X

X

ACHTSTE DAG.

Een voorbeeld, dat al onze aandacht verdient I Als wij naar Maria's voorbeeld ons aan Gods heiligen wil overgeven, dan zullen ook wij, welken staat wij ook beleven, waarlijk gelukkig en tevreden zijn.

Ou.ic %icUc Dmuta ban ïfanbcï.

't Is nu achtmael vijftig Jaeren,

Noch zoo veel mael tien daarbij, Uat Maria's beeld ervaren

Door Mirakels ons niaekt blij.

^oo las men weleer op een gedenksteen ^ in den gevel der kapel van Handel, waarboven het jaarschrift nog heden het getal 1700 aangeeft.

Blijkens dat opschrift dagteekent de vereering van O. L. Vrouw van Handel van omstreeks het jaar 1220, hetgeen door de „Brabantia Marianaquot; van Wichmans bevestigd wordt. Daarom mag dit eenvoudig, stil gehucht een der oudste bedevaartplaatsen in het tegenwoordige Bisdom van 's Bosch genoemd worden.

Een breede weg, die hier en daar langs bouwlanden en dennenbosschen kronkelt, meestal echter rechtlijnig en eentonig voortgaat, voert ons van het om zijne Latijnsche school alom bekende Gemert in een uur

79

X

ocr page 106

—.........-.......-_______________ ______——......—^

80 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

gaans naar dit bevoorrecht oord der H. Moeder Gods. Duidelijk draagt hij een alouden katholieken stempel en bij den eersten aanblik ziet de geschiedkundige de toestanden van vervlogene eeuwen weder voor zijnen geest oprijzen en herinnert zich, dat Gemert met Handel, als vrije heerlijkheid der Duitsche ridders, slechts korten tijd den druk der zoogenaamde Reformatie in de troebele jaren der ió^ en TjAa eeuw heeft gevoeld.

Nauwelijks heeft de pelgrim eenige schreden afgelegd, of hij ziet links aan den weg een klein steenen kapelletje, kort geleden oud, grijs en bouwvallig, thans door de goede zorgen van Handels ijverigen Rector J. van de Laarschot, vernieuwd en naar eisch hersteld. Niet zelden zal men eene moeder met haar kind in 't zand neergeknield, een arbeider van 't werk huiswaarts keerend, met ontbloot hoofd een kort gebed stortende, daarbij aantreffen.

Zulke kapelletjes vindt men langs den geheelen weg van Gemert naar Handel op geringen afstand van elkander. Zij zijn gebouwd ter eere van het lijden der H. Maagd in hare zeven bitterste smarten. Zonder deze statiën der zeven weeën zou de vreemdeling den langen weg eentonig vinden en hem wellicht vaak huiverend betreden, — nu gevoelt hij zich daar opgewekt en veilig onder de hoede der Moeder des Heeren. Een indrukwekkend schouwspel

ocr page 107

lt;

ACHTSTE DAG.

biedt hij aan, op de dagen, dat de processies, volgens oud gebruik onder liet zingen van Maria's lof, optrekken naar de kapel,

waar het miraculeus beeld bewaard wordt. Dan rijzen de gestalten der voorvaderen, die reeds vóór zes eeuwen op dezelfde wijze hunne vereering aan de H. Maagd betoonden, dankbaar voor onzen geest op, en klopt ons het hart met meer fierheid in den boezem.

Naar de geschiedenis meldt, werd het beeldje der Moeder Gods met het Kindje op den arm, dat de schat van Handel uitmaakt, aldaar „op eenen doornensiockquot; gevonden. Jammer, dat de bescheiden aangaande de wonderdadige gebeurtenissen, die daar in 't begin plaats vonden, voor ons zijn verloren gegaan; merkwaardige bladzijden voorzeker moet de geschiedenis der Lelie onder de doornen, der Moeder van Smarten te Handel opgeleverd hebben, getuige de groote vermaardheid van haar heiligdom, en niet het minst de vele Processies uit verwijderde plaatsen, als Rotterdam, Bergen op Zoom, enz., die in bedevaart naar Handel togen.

Er bevindt zich bij de kapel ook een put, de Heilige pui genaamd, welks water de pelgrims steeds met vertrouwen dronken.

Ook het ontstaan van dezen put ligt in het onzekere. Zeker echter is het, dat velen door dat water op wonderbare wijze genezing verkrijgen mochten. In het Handboekje

------.jj.

Meimaand Genade-Oorden. 6.

Si

ocr page 108

meimaand 3)kk genadeoorden.

82

voor de pelgrims naar O. L. Vrouw van Handel, vindt men uit het dagboek van Rector Luyten, die op het laatst der i7de eeuw de zorg der kapel waarnam, achttien wonderbare genezingen aangetee-kend, alle onder dezes Rectoraat voorgevallen. Verder wordt vermeldt, dat op den feestdag der Heilige Apostelen Petrus en Paulus van het jaar 1628, in weerwil der rampzalige oorlogstijden, meer dan vierduizend pelgrims Handel bezochten. Is de toeloop zoo groot niet meer als vroeger, dit oude genade-oord der H. Maagd wordt nog jaarlijks door duizenden en duizenden bezocht, die daar de machtige hulp dei-Moeder des Heeren in hunne noodwendigheden naar lichaam en ziel ondervinden.

Besluit. Werpen wij ons neder voorde uitgelezene Maagd, de Lelie onder de doornen, en bidden wij haar ons de noodzakelijke deugden van boetvaardigheid en versterving te verkrijgen.

ocr page 109

i^ciTcnbc ö?a0.

iu'cicitfjchcn ban jEaria.

In het aanbiddelijk geheim der mensch-

wording is zij de tempel GODS.

JCiet was Hoogfeest i» den hemel, ten ée(è dage dat Maria den Verlosser der wereld ontving; het was de vervulling der belofte, door den Schepper vóór vele eeuwen aan het menschdom gedaan. ,,De Heer is met uquot;, zoo luidde de groet des Engels. In waarheid; God de Vader was met de onbevlekt geschapene Maagd, zijne beminde dochter, wier maagdelijkheid het goddelijk moederschap moest vergezellen; God de Zoon was eveneens met haar, uit wie Hij zijn lichaam aannam; de Heilige Geest was het evenzeer; Hij heeft in haar het goddelijk mysterie bewerkstelligd. De allerheiligste Drieëenheid rustte in haar. Bij de beschouwing der menschwording van het Woord in den zuiveren schoot van Maria noemen haar de Kerkvaders het verheven heiligdom der g e h e e 1 e heilige Drievuldigheid.

sK

X

ocr page 110

84 meimaand der genade-oorden.

quot;TCdicn brr iKaaijh.

De Boodschap.

,f7]p|oen Maria weder het ouderlijke huis ging bewonen, nam zij de armoede aan als een door God haar toegezonden eerekleed. De vermoeiende zorgen, de eentonige bezigheden van een klein gezin, waaide meesteres des huizes geene dienaars heeft, werden het deel der dochter van koninklijken stam, van haar, die de Moeder (iods moest worden.

In de gelijkenissen van onzen Heer Jezus Christus vinden wij menige toespeling op het werkzame leven en de gewoonten van Maria: de zorgvuldige huisvrouw, die haar zuurdeeg in drie maten meel kneedde, haar huis veegde om het kleinste verloren voorwerp terug te vinden, of in huishoudelijke zuinigheid een oud kleed verstelde, — zijn beelden uit de kinderjaren van den Verlosser. En als de Godmensch eene gelijkenis zoekt, om de zuiverheid des harten aan te prijzen, vindt Hij die in de zindelijkheid van haar, die zorgvuldig „het binnenste en het buitenste van den drinkbeker zuivertquot;; en ook aan Maria dacht Hij, toen Hij de gift der weduwe verhief, „die niet van haren overvloed gaf, maar van hetgeen zij noodig hadquot;.

Weldra sloeg het uur, door den Eeuwige in zijne goddelijke raadsbesluiten voor de

ocr page 111

NEGENDE DAG.

menschwording van zijnen Gezalfde bepaald. De Aartsengel Gabriel, een der zeven, die voor den Heer staan, ontving zijne geheim-nisvolle zending; hij omkleedt zich met een lichaam van licht, waarmede zich die zuivere geesten gewoonlijk aan onze oogen vertoonen, daalt uit de hemelen op aarde neder, treedt het huis der heilige Maagd binnen, en dringt door tot in het nederig kamertje, waar Maria, in getrouwe onderhouding der godvruchtige gebruiken van haar volk, met het aangezicht tempehvaarts gericht, hare gebeden stortte. —

„ TVcrs gegroet, gij vol -van gratiequot;, spreekt de hemelbode, „de Heer is met u; gezegend zijt gij boven aile vrouwenquot;.

De Engel zag hare ontsteltenis en sprak op zachten toon: ,, Vrees niet, Maria! want gij hebt genade gevonden bij God: Zie, gij zult in uwen schoot ontvangen en eenen Zoon baren, en zijnen naam zult gij Jezus heeten. Deze zal groot zijn, en de Zoon des A lier hoogs ten genoemd worden ; en de Heere God zal hem den troon geven van David, zijnen Vader; en Hij zal heer se hen over Jacobs huis in eeuwigheid, en zijn koninkrijk zal geen einde hebbenquot;. Bij deze woorden, die iedere andere vrouw van vreugde hadden doen opspringen, dacht de zedige en voorzichtige Maria slechts aan hare sneeuwwitte maagdelijke kroon, en vroeg, hoe deze verhevene voorzegging zou vervuld worden. De schroomvallige schaamte

gt;'

gt;r

ocr page 112

___________________________________.X

86 meimaand der genade oorden'.

van eene jeugdige dochter is eene in de oogen der engelen zoo heilige zaak, dat Gabriël, om Maria gerust te stellen, niet aarzelde den sluier, die over het mysterie der mensch wording hing, op te lichten.

„De kracht des A lier hoogs feu zal n over-lominereu, — zeide hij, — daarom zal het heilige, dat uit u zal geboren worden, de Zoon Gods genoemd worden.quot;. Dan gaf hij haar, volgens gebruik der gezanten Gods, een teeken, dat zijne woorden bevestigde. „Elizabeth, uwe nicht, heeft ook zelve een zoon ontvangen in haren ouden dag, rvant hij God is geene zaak onmogelijkquot;.

Maria, nu begrijpende, dat zij èn de Moeder des Verlossers zoude worden, èn hare maagdelijke zuiverheid zou behouden, antwoordde op eerbiedigen toon: „Ziehier de dienstmaagd des Heeren, mij geschiede naar uw woordquot;.

Bemerking. — Het zwakke menschelijk verstand buige zich neder voor dit verheven goddelijk mysterie; alleen dankbare liefde is onze plicht.

(CmTjUTce bcr 25cbnil{tni tc ïicbclnar. (1)

{quot;TVquot; e v e 1 a a r! Machtig woord, dat eene zoete aantrekkingskracht op onze harten

1

Naar het verhaal van den Eerw. Heer Aenstoots, koordirecteur te Kevelaar.

ocr page 113

NEGENDE DAG. 87

uitoefent! Welke vereerder van Maria heeft het niet met heilige geestdrift en verheffende godsvrucht bezocht? Wiens hart werd daar niet opgebeurd en gesterkt. Te Kevelaar ziet men bidden in den volsten zin des woords. Daar openbaart zich vrijmoedig het vertrouwvolle, smeekende hart; daar geeft het godsdienstig gemoed zich lucht in het volle licht van den dag; daar is de biddende schare niet besloten in de enge ruimte der kerkgebouwen; —■ neen, geheel de bodem dier plaats is gewijde grond, geheel Kevelaar, door het blauw gewelf des hemels gedekt, is door Maria tot bedehuis en tempel gewijd.

Gering en onaanzienlijk was die plaats, toen het voor ruim 250 jaren aan de H. Maagd behaagde, zich deze tot een bevoor- | recht genade-oord uit te kiezen. Nog heden j kan men dit opmaken uit de onaanzienlijkheid der oude Parochiekerk, niet ver van het station in Oud-Kevelaar gelegen. Ter plaatse waar thans de genade-kapel prijkt, noodigde te dien tijde slechts een eenvoudig kruis, in de kale dorre heide ter bevrijding voor hagel en onweder opgericht, ; den voorbijganger tot bidden uit.

Voor dit kruis knielde omstreeks Kerstmis van het jaar 1641, volgens zijne gewoonte, een koopman uit Gelder neder, Hendrik Buschmann genaamd, die de grondlegger van Kevelaar's heiligdom zoude zijn. Hij was, evenals zijne echtgenoote Mechtildis i

ocr page 114

X

X

88 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

Scholten, naar het oordeel der geestelijkheid en dat zijner medeburgers, rechtschapen, godsdienstig en vroom; zij leidden een christelijk, heilig leven. Buschmann bezat een kleinen winkel, welken hij aan de zorgen zijner vrouw overliet, terwijl hij zelf in den omtrek zijne waren te koop ging bieden. Op zulk eene reis knielde hij voor dat kruis biddend neer. Hij was geheel alleen; ver in den omtrek verhief zich op de met sneeuw bedekte heide noch boom noch struik; geen levend wezen was nabij, hij was alleen met God, tot wien hij bad, toen hij plotseling een stem hoorde, die luid en duidelijk tot hem sprak: „Hier zult gij mij een kapelletje bouwenquot;.

Verschrikt zag hij om, maar bemerkte niemand. Ontsteld richtte hij zich op, en zette zijn weg voort, vol verwondering nadenkend over de stem, die hij van den hemel meende vernomen te hebben.

Nog tweemaal, bij twee andere reizen, hoorde hij, voor het hagelkruis geknield, dezelfde stem, dezelfde woorden. Hij twijfelde nu niet meer, dat de goede God of een heilige des hemels hem had opgedragen daar ter plaatse een bedehuisje te bouwen, en na overleg met zijne vrouw besloot hij ook deze opdracht ten uitvoer te brengen, ofschoon de kosten, ongeveer 100 gulden, voor hem en zijn armoedige omstandigheden, zeer aanzienlijk waren. Zijne vrouw zou eiken dag twee £l drie stuivers uit den

K

gt;f

ocr page 115

X.

_-X

89

negende dag.

winkel terugleggen. Buschmann begon den bouw, die echter slechts langzaam vorderde, wijl hij alleen daaraan werkte en dikwijls door zijne nering verhinderd werd. Toch slaagde hij er in reeds in den zomer van het jaar 1642 de hem gedane opdracht te vervullen en het kapelletje te voltooien. Ondertusschen dacht hij dikwijls na, welk heiligenbeeld in het bedehuisje vereerd zou moeten worden.

Deze vraag zou weldra op wonderbare wijze opgelost worden, quot;i n/i.; gt; lt; lt;ty

Besluit. Werpen wij ons in den geest te Kevelaar aan Maria's voeten neder, om de overgeving aan Gods heiligen wil af te smeeken.

ocr page 116

^ ^ ^ ^ ^ ^ ^

Cicnbc ^aij.

(!3raatljcbcn ban JEcivia.

Ue blijdschap van den voorlooper des Messias mj Maria's bezoek, aan Elizabeth.

(TTje ark des Verbonds, waarin de Kerk-vaders eene duidelijke afbeelding zien der H. Maagd, bleef drie maanden in het huis van Obededom en was voor hem eene overvloeiende bron van zegening. Maria, meer verheven dan de ark des Verbonds, verbleef drie maanden bij de heilige Elizabeth, die zij o]) het woord des Engels bezocht, en trok over dezer huisgezin een stroom van hemelsche zegeningen af. Op het aanschouwen der Maagd, werd hare nicht door Gods Geest vervuld en groette zij haar in profetische woorden, terwijl de heilige Joannes de Dooper, bij de nadering van Maria, de tegenwoordigheid van het vleeschgeworden Woord erkende en van vreugde opsprong in den schoot zijner moeder. Door den H. (leest bezield, stortte Maria toen haar hart uit in het wonder-schoone Magnificat, dat verheven lofgedicht, hetwelk door de Kerk zoo dikwijls herhaald wordt en steeds met onweerstaanbare kracht het gemoed aangrijpt.

ocr page 117

tiende dag. 91

quot;Xcbcn bfr 1). .iHaartb.

Het bezoek.

•TTTn 't volste vertrouwen op de woorden %? des Engels vertrok Maria met spoed naar het gebergte naar de stad van Juda, waar hare nicht Elizabeth, de echtgenoote van Zaeharias, woonde.

Ue Heilige Schrift meldt ons niet, hoe deze weg, die vier of vijf dagreizen duurde, werd afgelegd. Hij liep deels door Galilea, deels door het vijandelijke Samaria en door bijna het gansche land van Juda. Het land was bergachtig, doorsneden met beken en stroomen en bezaaid met eenzame woestijnen. De groote wegen, later door de Romeinen geëffend, waren onder den zwaren stap der kameelen omwoeld, waardoor de gang zeer bemoeilijkt werd. Des avonds was men genoodzaakt een onderkomen te zoeken in eene herberg, waar men in een eng' vertrek op een gevlochten mat de zoo noodzakelijke rust moest nemen.

Eindelijk in de priesterlijke stad, waar Zaeharias, uit den stam van Levi, met zijne vrouw Elizabeth zijne woning had, aangekomen, begaf zich Maria zonder dralen naar het haar welbekende huis.

Bij hare intrede boog de jeugdige Maagd en groette Elizabeth met den beminnelijken groet van het Oosten : „Vrede zij U !quot;

En zie, als Elizabeth den vriendelijken'

%

ocr page 118

92 meimaand der gexade-oorden.

groet van Maria hoorde, werd zij vervuld met den H. Geest. Zij erkent het geheim dat in hare heilige bloedverwante -door de kracht des Allerhoogsten was voltrokken en opgetogen roept zij uit: „Gezegend ziji gij onder de vrouwen, en gezegend is de vrucht uws lichaams. En van waar geschiedt mij dit, dat de moeder mijns Heer en tot mij komt 2 TFant, zie, toen de stem van iiwcn groet in mijne ooren kwam, sprong het kindje in vreugde op in mijn schoot. Eu zalig zijt gij, die geloofd hebt, dewijl zij vervuld zullen worden de dingen, welke u van den Heer gezegd zijnquot;.

Het antwoord van Maria was de verheven lofzang „Magnificatquot;, het eerste gezang van 't Nieuwe Testament en het schoonste lofgedicht der Heilige Schriftuur. „Mijn ziel verheft den Heer, mijn geest heeft

zich verblijd In U, o groote God, die mij ten heile zijt; Want Hij heeft liefdevol, met zegenend behagen Op de geringheid van zijn dienstmaagd 't oog

geslagen.

Zie, van af dezen stond noemt Adams kindrenrij Mij, de gezegende, de zalige ; wijl Hij Die machtig is, wiens Naam als heilig moet geprezen, Mij groote dingen wrocht. Dengenen, die Hem

vreezen

Is Hij barmhartig van geslachte tot geslacht... Zijn arm heerscht wijd en zijd met onweer-

staanbre kracht.

De trotsche legerschaar heeft Hij uiteengedreven. De machtigen onttroond, de needrigen verheven. De hong'rigen gespijsd, met goed'ren overlaan. En rijken ledig en in armoê laten gaan ;

ocr page 119

tiende dag.

Nam Israël, zijn zoon, ontfermend in zijn armen En kwam zijn volk te hulp, inóachtig zijn erbarmen

Voorheen herhaaldelijk ons vaadren toegezeid

Aan Abraham, en zijn geslacht in eeuwigheidquot;.

Zoo aanschouwde de H. Maagd plotseling, door bovennatuurlijk licht bestraald, en meer verlicht en bevoorrecht dan alle profeten te samen, de vervulling der ! eeuwenoude profetieën.

Terecht wordt deze schoone lofzang door den H. Ambrosius de „verrukking van Maria's ootmoedigheidquot; genoemd. Zonder deze hadden wij misschien ons verbeeld, | dat Maria noch het begrip, noch het gevoel harer grootheden bezat. Hier echter schittert zij voor ons oog in den luister eener wonderbare ootmoedigheid, vereenigd met het innige besef harer hemelsche voorrechten.

Bemerking. — De H. Bernardus omschrijft volgender wij ze het begin van dezen lofzang; „Gij Elizabeth, gij verheft de Moeder des Heeren, doch mijne ziel dwingt mij den Allerhoogste te prijzenquot;.

93

Zoo vermaande ons later de H. Geest, bij monde van den apostel Paulus: „Hij, die roemt, roeme op den Heer, want niet } hij, die zich zeiven prijst is een beproefde, | waar dien de Heer prijstquot;. n Cor. x, 17—18. j

lt; x

ocr page 120

94 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

vCroaótcrcó ijrr 25camp;riilitcn tc ïiclictaar.

(Vervolg)

ajjiddclcrwijl Busdimami aan de voltooiing WMfi van zijnen bouw werkte, kwamen op zekeren dag twee soldaten, die van Luxemburg naar Kempen marcheerden, te Gelder bij de vrouw van Buschmann aan, en verzochten daar eene wijle te rusten. Deze hadden een afbeeldsel van 't wonderbeeld te Luxemburg bij zich, bestemd voor hunnen luitenant. Zij wilden 't echter graag ver-koopen omdat zij zelfs aan 't noodzakelijkste gebrek leden, en boden het voor een Blaumüser (ongeveer een dubbeltje) te koop aan. Dat prentje maakte een buitengewonen indruk op vrouw Buschmann; graag zou zij het gekocht hebben, doch de prijs kwam aan die spaarzame huisvrouw te hoog voor. De soldaten namen dus hun prentje weer mee.

Den volgenden nacht geschiedde iets buitengewoons in het huis van vrouw Buschmann. Zij zag eensklaps hare kamer helder verlicht, en midden in den lichtglans een kapelletje, gelijk haar man het eeri bouwde, en in hetzelve aanschouwde zij een prentje der Moeder Gods, gelijk aan hetgene de twee soldaten bij zich droegen.

Ook de buren zagen het licht en meenden dat Buschmann's huis in brand stond.

li.

Xquot;

ocr page 121

JC-

TIENDE DAG.

zoodat zij van alle kanten toestroomden om het vuur te blusschen. Het licht verdween echter allengs, en door vrouw Buschmann gerustgesteld gingen zij weder heen, ofschoon zij niet konden begrijpen, waarom deze vrouw des nachts in afwezigheid van haren man haar huis zoo verlicht had. Ook den volgenden dag kregen zij van de vrouw geene nadere inlichting over het gebeurde. Zij wilde dit alles geheim houden, totdat zij het aan haar man had medegedeeld. Deze zag daarin den wil Gods, die dat beeldje in het nieuwe kapelletje te Kevelaar wilde geplaatst hebben. Hij zond daarom zijn vrouw uit, om de beide soldaten op te sporen en het prentje van hen te koopen ; doch de soldaten hadden het reeds te Kempen aan hun luitenant ter hand gesteld. Deze was in den beginne niet geneigd aan het verzoek van vrouw Buschmann te voldoen, doch toen hij alles gehoord had, wat er wonderbaars was voorgevallen, stond hij het eindelijk, ofschoon ongaarne, aan haar af.

Te Gelder, waar intusschen veel van dat alles was bekend geworden, oefende het prentje reeds aanstonds eene groote aantrekkingskracht uit. Het huis van Buschmann werd als bestormd door nieuwsgierigen, die het wilden zien en vereeren.

Dit verdroot echter Buschmann, en hij bracht het beeldje, op een houten plankje gehecht, naar de paters Capucijnen, opdat

K

gt;r

ocr page 122

^c

96 meimaand der genade-oorden.

liet bij hen in bewaring zou blijven tot het kapelletje voltooid was.

Ook hier stroomden de menschen in 1 menigte toe, zoodat reeds na drie dagen de paters verlangden, dat het beeldje uit hunne kerk weggenomen en naar zijne : bestemde plaats zou gebracht worden.

Dit geschiedde op Zondag 1 Juni 1642. Na het bisschoppelijk gezag te hebben geraadpleegd, haalde de pastoor van Kevelaar Joannes Schink het beeldje op Zaterdagavond in alle stilte uit het klooster en plaatste het des morgens vroeg met i eigen hand in het voltooide kapelletje.

quot;Zoo was dus aan de roepstem gehoor gegeven: het kapelletje gebouwd, en daarin troonde in een onaanzienlijk beeldje de I hemelkoningin als „Troosteres der Bedruktenquot;.

-

Besluit. Knielen wij neder en smeeken wij haar om hulp en troost in onze noodwendigheden.

X

gt;c

ocr page 123

Cïföc lt;Daij[.

(!3L-0atljchrn ban jEatia.

Dk moeder Gods heeft het voorrecht

allen te verheffen, die met haar in aanraking komen; zij zelve ontvangt nieuwen luister uit de grootheid van haren heiligen echtgenoot.

welijk van Maria en Jozef was

maagdelijke en hemelsche echt-

vereeniging. Toen onze Heer Jezus Christus wilde geboren worden uit de Allerheiligste Maagd Maria, nam Hij den H. Jozef tot zijn voedstervader en bewaarder. In waarheid eene voorbeeldelooze waardigheid, zooals nooit een sterveling te beurt viel. De Verlosser moest eene geheel eenige vrouw, met alle mogelijke volmaaktheid begiftigd, tot moeder hebben; maar ook Maria moest een echtgenoot hebben harer waardig, die ter wille van dit verheven ambt met buitengewone genaden was bedeeld. De maagdelijke Moeder kon slechts een maagdelijken bruidegom tot echtgenoot hebben.

De H. Geest doet de afkomst van Jozef langs eene onafzienbare rij van Patriarchen, Rechters en Koningen tot de schepping der wereld opklimmen, „zoodat de patriarchale, rechterlijke en koninklijke waardigheid

A Meimaand Genade-Oorden.

ocr page 124

98 meimaand*der genade-oorden.

van doorluchte voorvaderen in hem als in de topbloem van zijn stamboom samenvloeide en eindigdequot;. (S. Bernardinus, Sermo de Sto. Joseph.) Niet onwaarschijnlijk kwam ook aan Jozef, door recht van eerstgeboorte, de schepter van David toe, en ging door hem, zoowel als door Maria, de koningskroon van Juda op den Heiland over. (Corn, a Lap. Matth. 1. 16.)

De H. Geest noemt hem in de H. Schriftuur „een rechtvaardige of heiligequot;, wat volgens den H. Chrysostomus beteekent „een man uitschitterend door alle mogelijke deugdenquot;. Men raag op hem de woorden toepassen door de H. Schrift gebezigd ten opzichte van den Aartsvader Jozef; „God was met hem; Jozef vond genade in de oogen van Godquot;quot;. Onnoodig op te merken, hoeverre de Jozef van het Nieuwe Verbond zijnen zinnebeeldigen voorganger in deugden, begaafdheden en bestemming overtrof.

Xcücn bei* ï?. jEaatjb.

Het Verblijf bij Elizabeth.

^Tje H. Maagd bracht hoofdzakelijk haar ffl bezoek aan Elizabeth om haar bij te staan en te dienen. Dit is het gevoelen zoowel van den H. Bonaventura, als van den H. Ambrosius en andere gewijde schrijvers. Wie zal derhalve de liefdevolle en nederige diensten vermelden door Maria aan hare

ocr page 125

X.

ELFDE JiAG

nicht, die reeds hoog bejaard was, bewezen? Wie zal ons het inwendig liefdevuur doen kennen, dat bij elke, ook de geringste liefdedienst in haar brandde? Wie zal ook de verlegenheid van Elizabeth kunnen beschrijven, als zij de Moeder des Heeren zich tot de nederigste werken zag leenen en zich uitputten in liefde en voorkomendheid jegens haar? Hoe dikwijls zal zij haar gesmeekt hebben om zelve haar te mogen dienen ? Doch vruchteloos! Dan gaf Maria ten antwoord, wat later haar Goddelijke Zoon bij zijnen doop aan den zoon van Elizabeth toevoegde: zóó behoort het nu te geschieden, zóó moet door ons de wet der liefde vervuld worden.

Wat al genadeschatten verbond God aan Maria's verblijf in de woning van Elizabeth ! Zegende God weleer zichtbaar en ruimschoots het huis van Obededom ter wille van de Ark des Verbonds, die drie maanden in zijn huis berustte, wat al hemelsche gunsten heeft Hij niet uitgestort over de woning van Elizabeth, tijdens dat in tijdduur gelijk verblijf der Ark van het Nieuwe Verbond. Niet alleen de beoefening der naastenliefde en der ootmoedigheid weerhield Maria in de woning harer nicht, ook de heiliging van dit huisgezin was het liefderijk doel, dat God daarmede beoogde.

De dag van scheiden vervulde het gemoed van Zacharias en Elizabeth met droefheid; hoe gaarne zouden zij de hemelsche

99

K

ocr page 126

______

ioo meimaand der genade-oorden.

gesprekken der goedhartige, geëerbiedigde Moeder des Heeren nog gedurende langeren tijd hebben genoten; hoe waren zij steeds onverzadigd in het aanschouwen van haar engelachtig gelaat, den spiegel aller deugden; hoe vloeiden hunne tranen bij Maria's laat-sten groet: „Vrede zij met Uquot;. Ach, zie die twee heilige echtgenooten op hunne knieën nederzitten, om haar hunnen innig-sten dank te betuigen voor de hun medegedeelde genadegunsten. Met betraande oogen staren zij nog Maria na, tot zoolang de kromming van den weg haar aan hunne oogen onttrekt.

Bemerking. —• De gezegende, verhevene Moeder des Heeren, de spiegel aller deugden, wilde de ootmoedige dienstmaagd van Elizabeth zijn.

De deugd adelt; zij verheft ons in Gods oogen ; alleen de zonde verlaagt den mensch.

iCrocotcrcs bcr 25cbi*uHtrn tc ïicüclaiir.

{Slof.)

bekend geworden.

uat ücl KitpcucLjc voltooid en daarin de veel besproken beeltenis van de Troosteres der Bedrukten ter vereering was uitgesteld, of van heinde en ver stroomden

ocr page 127

-tK

ELFDE DAG,

reeds van de eerste dagen af, de pelgrims toe, om daar te bidden en troost en hulp in hunne noodwendigheden af te smeeken. Ue H. Maagd, die zich deze plaats tot een genade-oord had uitverkoren, toonde op tastbare wijze hoe aangenaam haar daar ter plaatse deze hulde was. Velen werden er plotseling genezen van langdurige ziekten en ongeneeslijke kwalen, hetgeen ten gevolge had dat de nieuwe bedevaart altijd verdere vermaardheid kreeg. Reeds het eerstvolgende jaar was de oude parochiekerk geheel ontoereikend om de scharen van godvruchtige pelgrims te bevatten. Daarom werd op 22 Oct. 1643 de eerste steen gelegd eener nieuwe parochiekerk, tegenwoordig ,,de kaarsen-kapelquot; geheeten ; en drie jaren daarna werden de Paters Oratorianen met de zielzorg der talrijke pelgrims belast. Dezen bouwden het nog bestaande klooster of de pastorie en tevens de thans in- en uitwendig kostbaar bewerkte zeshoekige genadekapel rond het bedehuisje van Buschmann.

Ofschoon er bij niemand gegronde twijfel kon bestaan, of de bouw der kapel, de vereering der beeltenis en dus ook de pelgrimstochten naar die uitverkoren plek stemden met Gods wil overeen, toch had de Kerk in deze nog geen uitspraak gedaan. Dit zou geschieden in eene Synode, door den Bisschop van Roermond in 't jaar 1647 te Venlo belegd. Daarin hadden

101

quot;X

ocr page 128

gt;c

102 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

twintig meest allen hooggeplaatste geestelijken zitting, alsmede vier geneeskundigen.

Op de eerste plaats werd Buschmann gehoord aangaande het bevel, dat hij van den hemel had ontvangen. Op bondige wijze verhaalde hij alles, en bekrachtigde zijne gezegden met eed. Daarna ging men over tot het onderzoek der wonderen, waarbij alleen die in aanmerking kwamen, die tusschen de jaren 1642—45 waren geschied en aldus van genoegzamen duur bleken te zijn. Toen nu alles tot in de kleinste bijzonderheden onderzocht en overwogen was, legde de gansche vergadering over acht wonderen de verklaring af, dat deze slechts door bovennatuurlijke kracht konden bewerkt zijn en daarom als echte wonderen moesten beschouwd worden.

Aldus verkreeg de bedevaart naar Kevelaar de kerkelijke goedkeuring. Wonderbaar nam zij toe, en reeds in de eerste jaren zag men op sommige dagen nagenoeg 20,000 pelgrims bij 't genadebeeldje bidden. De wonderbare macht, door 't kleine beeldje uitgeoefend op alle standen der maatschappij, was onweerstaanbaar.

Het waren later geen duizenden, maar millioenen die daar hulp en troost hebben gezocht en gevonden. Ja, het is aan God alleen bekend, hoevelen daar tot inkeer kwamen, hoevelen daar getroost en gesterkt zijn geworden en den vrede des harten hebben gevonden, dien de wereld niet geven kan.

%

ocr page 129

-X

ELFDE DAG,

Op i Juni 1892 vierde Kevelaar in feestdos en opgetogen vreugde den 25o5ten gedenkdag van 't begin der bedevaarten. Onder goedkeuring van Z. H. Leo XIII werd toen het wonderbeeld der „Troosteres der Bedruktenquot; door Z. 1). H. den Bisschop van Munster kerkelijk gekroond.

Besluit. Smeeken wij „de Troosteres der Bedruktenquot; om sterkte in de moeilijkheden, die wij op onze pelgrimsreis naar den Hemel ondervinden.

io3

X'

ocr page 130

X

^CUiaalfiJc vDag.

a?ioDtljcbcn ban jBana.

Hare bewonderenswaardige gehoorzaamheid.

^lE^ene der ware grootheden van Maria is m gelegen in hare bewonderenswaardige gehoorzaamheid, zoowel aan de ingevingen des Allerhoogsten als aan de machten der aarde.

Gedurende de twaalf jaren van haar verblijf in den tempel gaf zij aanhoudend blijk van de ootmoedigste onderdanigheid. Door het sluiten van haar huwelijk met den H. Jozef gehoorzaamde zij tegelijk aan Gods ingeving, aan den raad harer ouders en aan het bevel der priesters naar luid der wet van Mozes. Zij vergezelde haren echtgenoot naar Bethlehem, om gehoorzaam te zijn zoowel aan het bevelschrift van den Romeinschen keizer, als aan de inwendige ingeving van God, die aldus het woord van zijn profeet wilde vervullen. En in haar verder leven gehoorzaamde Maria aan haren echtgenoot, als aan het hoofd des huisgezins in alles zonder tegenspraak, ofschoon zij hem in vele opzichten verre overtrof.

X

ocr page 131

gt;c

twaalfde dag

TGclicn bcr ï). jEaagb.

Uk reis naar Bethlehem.

^r/Ticheas, een der twaalf kleine profeten, had meer dan 700 jaren vóór de geboorte van den Messias aangekondigd, dat degene die heerscher zijn zal in Israël, uit Bethlehem zou voortkomen; de Verlosser der wereld is inderdaad te Bethlehem geboren.

Ziehier het geschiedkundig feit, dat de Allerhoogste gebruikte ter vervulling van zijn goddelijk raadsbesluit.

Men telde het jaar 747 sedert de stichting van Rome. In Judea werd een bevelschrift van Caesar Augustus afgekondigd, waarbij telling gelast werd der aan zijn schepter onderworpen volken. Om aan dit bevel van den beheerscher der aarde te voldoen, moest Jozef zich naar Bethlehem begeven, naar de stad, welke de afstammelingen van David als hunne geboortestad en de bakermat van hun stamhuis beschouwden.

Ofschoon ook Maria, als erfdochter, moest opgeschreven worden, was zij, naar het schijnt, niet verplicht om in het gure jaargetijde door een bergachtig land gelijk Palestina, in hare omstandigheden deze zeer bezwarende reis te ondernemen.

Maar Jozef wilde haar niet alleen achterlaten, en Maria wilde geen oorzaak zijn, dat haar echtgenoot het bevel niet volbrengen

105

X

X

ocr page 132

X._________________________________

106 MEIMAAND DER GEXADE-OORDEN.

zou. Wat gedaan? Zij vroegen God om raad. En genoegzaam bekend als Maria was met al de bijzonderheden der H. Schrift, om te weten dat Bethlehem de geboorteplaats van den Messias moest wezen, begrepen zij, dat deze lastige reis met de geheime oogmerken der Voorzienigheid strookte. Zij besloten ondanks de moeie-lijkheden, te zamen deze reis te ondernemen. De noodige toebereidselen waren spoedig gemaakt, daar zij als armoedige menschen slechts weinig hadden mede te voeren; hoogstwaarschijnlijk bestonden de mondbehoeften in wat gerstebrooden en gedroogde visschen, het gewone voedsel des volks in den winter, en zorgde Maria tevens voor lijnwaad en kleederen. Zij verlieten Nazareth tegen het midden der maand December, gedurende den winter-regentijd. Dan heerscht er vooral des nachts meestal eene scherpe koude. Langzaam trok de H. Maagd over de gebergten van Galilea, Samaria en Judea voort — naar de overlevering zegt — op eenen ezel gezeten, die door den H. Jozef werd geleid. De lendenen omgord, den aartsvaderlijken staf in de ééne, de leidsels in de andere hand schreed deze meestal in godvruchtig zwijgen, in gebed en overweging der wonderbare inzichten Gods, naast zijne heilige echtgenoote voort.

Wie zal ons de bewondering schetsen, die Jozef voor haar gevoelde, als hij haar met de grootste kalmte en gelatenheid zich

X

X

ocr page 133

twaalfde dag.

de vermoeienissen en ontberingen, die de reis mede bracht, zag getroosten. Verheven van ziel, standvastig en moedig van geest, verhief zij zich niet in voorspoed en grootheid, en wist zij ook in tegenspoed en moeilijkheden zich stilzwijgend aan Gods heiligen wil te onderwerpen.

Na vier lastige dagreizen, zagen eindelijk de vermoeide echtgenooten het doel hunner reis, het oude eerbiedwaardige Bethlehem, I omtrent drie uren gaans ten zuiden van ; Jeruzalem gelegen, voor hunne oogen op- j dagen.

Bemerking. — De beloften Gods worden { onfeilbaar vervuld, waarbij Hij de waan- i wijze redeneeringen van het zwakke men-schelijk verstand pleegt te beschamen.

Werpen wij ons in bewondering en aanbidding voor zijne almacht neder, en onderwerpen wij ons met vertrouwen aan zijnen wil.

quot;ïC-irlic ©raulu in 't SUinh tc Staiicsiiivtcl.

.npn vroegere, meer christelijke eeuwen, zag men op vele plaatsen langs de wegen kruisen opgericht, die de voorbijgangers tot gebed opwekten en in hen de gedachte aan 's menschen hoogere bestemming levendig hielden. Zoo stond in de vijftiende eeuw ook te Aarle-Rixtel, een dorp ongeveer i een uur gaans van Helmond aan de ;

107

quot;X

ocr page 134

__^

I08 MEIMAAND UER GENADE-OORDEN.

Zuid-Willemsvaart gelegen, langs den weg een groot houten kruis, waarin een beeldje van O. L. Vrouw.

Op zekeren dag nam een inwoner van het dorp, in plaats van zich aan de bescherming van Maria aan te bevelen, het beeldje van O. L. Vrouw met zich naar huis, om het als speelgoed aan zijne kinderen te geven. Deze onteering bleef echter niet ongestraft.

Van het oogenblik af, dat hij het geroofde beeldje in zijn huis bracht en het minachtend en smadelijk als had weggeworpen, trad een onverklaarbare en onweerstaanbare angst zijn huis binnen. Ofschoon hij zich daartegen verzette en deze vrees als ijdele inbeelding trachtte te verwerpen, — hij, noch de zijnen konden de gewenschte rust en kalmte vinden. Hij verwijderde dan het beeldje uit zijne oogen en bracht het naar eene onaanzienlijke plaats in zijn huis, om niet door het gezicht daarvan aan zijn onteerend schelmstuk te worden herinnerd. De toestand bleef echter dezelfde; angst en vrees vervolgden hem altoos.

Ten einde raad besloot hij het beeldje weder ter plaatse, waar hij het geroofd had, terug te brengen, en met oprechte droefheid over zijne schandelijke daad bezield, liet hij rondom het kruis een ijzeren traliewerk aanbrengen. Zoo wilde hij door meerder eerbetoon zijn fout herstellen. En zie, hierna keerde de kalmte en rust in

ocr page 135

—I—

K

TWAALFDE DAG,

zijn huisgezin terug.—Van dezen tijd af dag-teekent de bijzondere vereering van het beeld van O. L. Vrouw in 't Zand te Aarle-Rixtel.

Zoodra het voorval bekend werd,' trok het kleine beeldje, dat door de Moeder Gods zoo wonderbaar en krachtig beschermd was, aller aandacht. Uit het gebeurde besloot men, dat het aan de Moeder des Heeren aangenaam was, daar ter plaatse vereerd te worden, — welke vereering spoedig door talrijke genadegunsten en wonderen bestendigd werd.

Het schoone boekje van den Eerw. Heer A. J. Fritsen ,,De Pelgrim, inzonderheid naar O. L. Vrouw in 't Zand te Aarle-Rixtelquot;, bevat het treffende verhaal van ongeveer 30 wonderbare genezingen van veelal ongeneeslijk verklaarde zieken, die oj) de aanroeping en godvruchtige vereering van O. L. Vrouw aldaar zijn geschied, en onder verklaring van geloofwaardige getuigen opgeteekend werden.

Reeds omtrent het jaar 1500 werd ter plaatse, waar het kruis gestaan had, eene kapel gebouwd aan de vereering van het wonderbeeldje gewijd. Menigvuldige treurige lotgevallen heeft dorp en kapel evenals de geheele Meierij sinds doorleefd, maar noch de langdurige oorlogen, waarin de eerste kapel verwoest werd, noch de sluiting der kapel bij haren overgang in handen der Reformatie, vermochten de vereering van het wonderbeeld te Aarle te stuiten. Het

109

__

ocr page 136

__

iio meimaand der genade-oorden.

beeldje bleef in handen der Katholieken en berustte in de schuurkerk der parochie, waar het steeds in stilte door velen bezocht werd.

Tden eindelijk in rustiger tijden de kapel door de Katholieken was teruggekocht enquot;

oo m

hersteld, wilde Mgr. J. Zwijsen z. g. zelf het vereerde beeldje naar de aan Maria zoo dierbare plek in de kapel terugvoeren. Vergezeld van eene groote priesterschare en van een aanzienlijk getal geloovigen, bracht hij het miraculeus beeldje naar de kapel over en plaatste het op een fraaien troon. Hierna hield hij eene roerende toespraak, waarin hij, na de geschiedenis van het wonderbeeld te hebben aangestipt, de geloovigen opwekte om met hetzelfde vertrouwen als weleer hunne voorouders, O. L. Vrouw te dier plaatse te komen eeren en aanroepen.

Vermelding verdient nog het opmerkenswaardig feit, dat in 1S66 tijdens het woeden der cholera in het naburige Helmond, zich te Aarle-Rixtel geen gevallen dier gevreesde ziekte hebben voorgedaan, en naar gezegd wordt, niemand van hen, die de voorspraak van Maria te Aarle zijn komen inroepen, aan die kwaadaardige ziekte bezweken is.

Besluit. Werpen wij ons neder aan den voet van haren troon, om de deugd van gehoorzaamheid aan ouders en oversten en aan de ingevingen Gods door hare bemiddeling af te smeeken.

ocr page 137

5C

^Dcrticnbc

4?rnat8ebcn ban jBaria.

Haar machtige invloed.

(p^e natuur geeft ons wondere werkingen rfé te aanschouwen. De magneet trekt het ijzer aan; de barnsteen haalt stroo en papier tot zich; de zon keert de bloem om, die hieraan haren naam van zonnebloem ontleent; de maan veroorzaakt ebbe en vloed; de magneetnaald richt zich steeds naar het noorden ; het goud neemt het kwikzilver op. Wij zien deze werkingen dagelijks, maar weten wij ook de juiste oorzaken daarvan aan te geven?

Deze bewonderingwekkende verschijnselen zijn slechts flauwe beelden van den machtigen invloed, dien Maria in den hemel uitoefent om de genadegunsten Gods tot zich te trekken, ten einde ze daarna over het menschdom uit te storten. De H. Bernardus maakt de bemerking, dat uit het hart des Eeuwigen Vaders eene Bron des Levens ontsprongen is, namelijk het Eeuwig Woord, waarvan alle hemelsche planten besproeiing en wasdom ontvangen; en hij voegt er aan toe, dat onze aarde ofschoon smachtend naar dat heilzame water, hetwelk haar zoo noodzakelijk was,

%

ï.

ocr page 138

n y

X

112 meimaand der genade-oorden.

het kanaal miste, waardoor het haar moest toevloeien, zoodat zij steeds droog en dorstig bleef. De H. Maagd heeft ons echter dezen dienst bewezen en Gods zegeningen overvloedig over ons doen af-stroomen.

Xclicu bei- ïj. jBaagb.

De Geboorte des Zaligmakers.

,f]\[;a verscheidene moeilijke dagreizen, aan-'tf? schouwden de reizigers in de verte het bekende Bethlehem, de stad der koningen, schilderachtig op eene hoogte gelegen, omringd door lachende velden met wijngaarden, bosschen van olijfboomen en kreupelhout beplant.

Zij zagen lieden van allen stand en ouderdom stadwaarts opgaan: adellijke vrouwen in 't purper gekleed, met een witten sluier om het hoofd, op hare kameelen gezeten; jongelingen, die in gestrekten draf op hunne arabische paarden voortrenden; grijsaards, door schoone witte ezels gedragen, tusschen eene menigte voetgangers, die evenals zij naar de koninklijke stad voortreisden.

Op kleinen afstand buiten de stad verhief zich een groot vierkant gebouw, welks witte muren scherp afstaken tegen het bleeke groen der olijfboomen, die de heuvelen overschaduwden. Het was het stads-gebouw tot verblijfplaats der reizigers,

X gt;

ocr page 139

DERTIENDE DAG. 113

waar op het uitgestrekte voorplein een groot aantal dienaars heen en weer liepen. Jozef deed het lastdier der H. Maagd den pas wat versnellen en reed derwaarts, in de hoop nog tijdig aan te komen om een der vele enge vertrekken te kunnen bezetten. Maar het wemelde er van reizigers en kooplieden, door den toeloop van menschen, die om de volkstelling te Bethlehem moesten samenkomen, derwaarts gelokt. In de druk bezochte herberg was geen plaatsje onbezet; voor ruil van goud had men wellicht er een kunnen bekomen; maar Jozef had geen goud.

De patriarch keerde met een bedrukt gelaat tot Maria weder, die hem met een gelaten glimlach antwoordde. Hij nam dan het arme lastdier bij den teugel en begon door de straten en pleinen der stad rond te dwalen, in de hoop dat wellicht een liefderijke inwoner hun ter liefde Gods een nachtverblijf zoude aanbieden. Doch te vergeefs: de stad was overvol met vreemdelingen en reizigers, en niemand bekommerde zich om hen. De koude avondwind blies bijtend en scherp door de straten, het gelaat der H. Maagd werd bleek, en ofschoon zij geene klacht deed hooren, had zij, bijna verkleumd van koude, moeite om rechtop te blijven zitten. De nacht viel in ; de twee echtgenooten, zich door allen verstooten ziende, en zonder hoop van in de stad hunner voorvaderen een

S.

Meimaand Genade-Oorden.

ocr page 140

114 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

onderkomen te vinden, verlieten Bethlehem, en sloegen den weg in naar het buiten-gelegen veld.

Terwijl zij zich van de stad verwijderden, bemerkte Jozef in eene heuvelachtige rots eene verlaten spelonk, die aan de herders van Bethlehem tot stalling voor hun vee en tot schuilplaats diende bij een stormachtigen nacht. De twee echtge-nooten dankten God voor deze natuurlijke beschutting hun verleend, traden de grot binnen, en bereidden na een weinig voedsel te hebben genomen, hunne nachtelijke legerstede.

En ziedaar de tijd eindelijk aangebroken, door de Eeuwige Wijsheid ter menschwor-ding van het Eeuwig Woord bepaald. In dien verlaten stal werd op het tijdstip, dat de heldere hemel met sterren bezaaid was en te Bethlehem alles in diepe rust verkeerde, de Zaligmaker der wereld geboren. De zuivere Maagd Maria, dronken van liefde en vervoerd door eene onbeschrijfelijke vreugde, aanbidt den Zoon des Allerhoogsten, haar zoon geworden, — den Verlosser, aan de patriarchen beloofd, en aan haar geschonken, — dengene, dien David zijnen Heer noemt en dien de engelen in het hoogst der hemden aanbidden; en zij legt het hemelsch schoone goddelijke Kind in doeken gewikkeld in de kribbe op hooi en stroo neder.

X

X

ocr page 141

DERTIENDE DAG. US

Bemerking. — Wat aangrijpende stof ter overweging biedt ons, Christenen, de Verlosser aan, — geboren in een verlaten stal, in 't midden van den winter, en neergelegd in eene krib, arm en van alles verstoken. Versmading, armoede en lijden vergezellen de komst van Christus.

On^c ICiclic Bmilu (Ccr oEilf tc JÜSccdjdbljofarn. (1)

CSe godsvrucht tot O. L. Vrouw is in het (frp bisdom van 's Bosch van af de vroegste tijden zeer vermaard, en God schijnt er vermaak in geschept te hebben om op vele plaatsen de teedere liefde tot Maria te vermeerderen. Aan haar schrijft men naast God de bewaring van het voorvaderlijk geloof in deze gewesten toe, waarom nog dagelijks na elke H. Mis, de Litanie van O. L. Vrouw van Loreto tot dankzegging voor het behoud des geloofs, door den priester gebeden wordt. Naast de Zoete-Lieve-Vrouw van 's Bosch worden er een aantal miraculeuze beelden der H. Maagd met groote godsvrucht bezocht en vereerd, waaronder O. L. Vrouw Ter Eik te Meer-veldhoven.

Het kleine dorpje, ruim een uur gaans van Eindhoven, gelegen aan den fraaien

quot;X

1

Naar Schutjes. „Geschiedenis van het Bisdom van 's Boschquot;.

ocr page 142

____^

Il6 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

kunstweg, die de gemeenten Gestel-Blaar-them en Veldhoven niet elkander verbindt, — dankt zijne vermaardheid aan een op wonderbare wijze gevonden beeldje van O. L. Vrouw, dat daar sedert vele eeuwen met de meeste zorgvuldigheid bewaard en door eene menigte pelgrims godvruchtig vereerd wordt.

In 'tjaar 1265 bemerkte een inwoner van het dorp in een eikeboom een beeldje van O. L. Vrouw. Hij nam het mede naar huis als een gevonden voorwerp. Den volgenden dag was het uit zijne woning verdwenen en stond het weder terzelfder plaats in den eik. Nogmaals nam hij, ten hoogste hierover verbaasd, het beeldje mede naar zijne woning, maar vond het 's anderendaags in denzelfden boom terug. Toen zich dit daarna voor den derden keer herhaalde, maakten de inwoners hieruit op, dat de H. Maagd voorzeker daar ter plaatse bijzonder wilde geëerd worden. Zij kapten dus van den boom, waarin de H. Maagd haar zetel had verkoren, de onderste takken af, en bouwden er een klein kapelletje rondom, zoodat de boom in het midden der kapel kwam staan.

De dorpelingen hadden in deze zaak blijkbaar volgens de inzichten der goede Moeder des Heeren gehandeld, want spoedig werd het kapelletje van O. L. Vrouw Ter Eik vermaard om de talrijke genezingen, die daar plaats grepen. De mare dier

X 'X

ocr page 143

-ïlx

DERTIENDE DAG.

wonderbare gebeurtenissen verspreidde zich niet alleen in de buurtschap, maar tot in de Luiksche en Vlaamsche gouwen, waardoor vooral op den feestdag van O. L. Vrouw Visitatie talrijke processies zich rondom het beeld der H. Maagd te Meer-veldhoven verdrongen, om aan haar een bezoek te brengen, clie, zooals voorheen hare nicht Elizabeth, thans ook hare eenvoudige dienaren te Meerveldhoven wonderdadig en goedgunstig had bezocht.

Van 1269 tot 1648 bleef, nagenoeg ongestoord, de vereering van ü. L. Vrouw Ter Eik te Meerveldhoven voortduren; doch toen in laatstgenoemd jaar de 80-jarige oorlog met den vrede van Munster besloten was, werd de uitoefening van den godsdienst aan de Katholieken verboden en zagen zij hunne bedehuizen sluiten. Ook de kapel van Meerveldhoven onderging dit lot. Reeds langen tijd te voren echter was het miraculeuze beeld op het slot te Blaarthem in veiligheid gebracht.

Zoodra de Katholieken door den inval der Franschen in 1672 eenige verademing kregen, werd het beeld naar zijne uitverkoren plaats teruggevoerd, en bleef er steeds — nu eens meer dan minder openlijk — een voorwerp van vertrouwvolle vereering. In de kapel van Meerveldhoven, waarnaast thans door de onvermoeide zorg van den Eerw. Heer P. van Schendel eene sierlijke kerk verrezen is, prijkt nog het oude beeld

II7

% X

X

ocr page 144

il8 meimaand der genade-oorden.

van O. L. Vrouw, in het midden van een eikeboom, die zijne takken rechts en links uitspreidt en aan welks stam talrijke ex-voto's, zilveren harten, handen, krukken, enz. zijn opgehangen als blijvende getuigen der daar door Maria's voorbede verkregen gunsten.

Besluit. Brengen wij in den geest een bezoek aan O. L. Vrouw Ter Eik, om haar eene oprechte liefde jegens onzen evenmensch te vragen.

X % )

ocr page 145

;t; ;t; •»; ;t; ;r; •,»; lt;tgt;

^certicnbc X^aij.

aSranttjchcn lian jBaria.

ZtJ IS DE GLORIE VANquot; HEMEL KX AARDE.

'De geleerde Hugo a Sto \'ictore zegt, dat onze Heer Jezus Christus de zon der ! menschheid is, en dat zijne Allerheiligste Moeder de dageraad is, die Hem voorafgaat.

Volgens de schoone gedachten van dezen geleerden schrijver, is Maria eene bloem door hare schoonheid, een honiggraat door hare zoetheid, een viooltje door hare nederigheid, eene roos door hare liefde, eene lelie door hare zuiverheid, een wijnstok door hare vruchtbaarheid, een welriekende balsem door den geur harer deugden, eene burcht door hare sterkte, eene kolom door hare rechtschapenheid; -— en hij voegt daaraan toe, dat haar titel van bruid hare getrouwheid aanduidt, dat zij maagd en moeder tevens, ons door hare maagdelijke vruchtbaarheid den Verlosser heeft geschonken en Heerscheresse is door hare macht en majesteit.

Men kan met het volste recht zeggen, dat Maria de glorie is van hemel en aarde.

X X

X

ocr page 146

I20 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

quot;SDclicn brr I|. jiEaagb.

DE AANBIDDING DER HERDERS.

ifTg-'od had voor de kribbe van zijn eenigen Zoon gezorgd. Maria legde het kind, in doeken gewikkeld, in de kribbe neder en aanbad met haren heiligen echtgenoot den pasgeboren menschgeworden God. Zoo ontving de aartsvader Jozef, — de schoonste voorafbeelding van Jezus Christus, — weleer de eerbewijzingen van zijnen vader en zijne moeder. Onuitsprekelijk geheim! Welke woorden tot dit Kind-God te spreken. Het is niet een sterveling; Hij is ontvangen door Gods kracht. Maar Hij heeft een menschelijk lichaam. O wonderbare tegenstelling! de hemel is zijn verblijf en zijne moeder draagt Hem op de knieën! Hij is op aarde en •— Hij is niet gescheiden van de bewoners der hemelsche gewesten; de hemelen zijn met Hem I.. ..

Aldus zijn, volgens de verklaring van den H. Basilius, de groote voorspellingen van Micheas en Isaias vervuld.

God en mensch te zamen zal Jezus als mensch aan alle menschelijke ellende op aarde onderworpen zijn en den dood ondergaan; als God zal Hij eeuwig heerschen in den hemel en op aarde.

Op het tijdstip, dat de goddelijke Verlosser ter wereld kwam, brachten de herders in de omstreken van Bethlehem in het veld

X'

X

ocr page 147

VEERTIENDE DAG.

den nacht door ter bewaring hunner kudden. Eensklaps verscheen hun een engel des Heeren, en zagen zij zich tot hunne groote vrees door een hemelsch licht omgeven. De engel sprak tot hen : Wilt niet vreezen, want zie, ik kondig u eene groote vreugdetijding aan, eene reden van blijdschap voor al het volk: heden is u de verlosser geboren, die Christus de Heer is, in de stad van David. En dit zij u het teeken, waaraan gij hem herkent: gij zult een kindje vinden, in doeken gewonden en liggende in eene kribbequot;. Terzelfder stond voegde zich bij den engel eene menigte van hemelsche geesten, God lovende en zeggende: Glorie aan God in den hooge en op aarde vrede aan de menschen van goeden wil.

Het wonderbaar visioen verdween, de hemelsche gezangen hielden op, en nog stonden de herders, van verbazing bevangen, leunend op hunne knoestige stokken, ademloos in bewondering te luisteren. Tot bezinning gekomen, hielden zij raad en zeiden tot elkander: Laat ons doorgaan tot Bethlehem en deze zaak zien, die geschied is, welke de Heer ons bekend gemaakt heeft. Dan richtten zij, bij het heldere sterrenlicht, hunne schreden naar het kleine stadje van David. Bij den aanblik der grot, voelden ze, evenals de leerlingen van Emmaüs, hun hart branden en door Gods geest verlicht traden zij den armen stal

121

X

gt;f

ocr page 148

122 mkimaand der genade-oorden.

binnen, waar de Heer pas geboren was.

De maagd, over het kind Jezus neergebogen, aanbad het met treffende, diepe nederigheid. Daarnaast boog jozef het grijze hoofd voor zijn Voedsterkind, dat God was. Een bundel zachte stralen der maan verlichtte dit hemelsch drietal, dat omlijst werd door de roodachtige rotswanden. De herders naderden met eerbied, wierpen zich voor de kribbe neder, die den Koning der koningen bevatte, en boden den in armoede geboren Godmensch hunne eerbiedige hulde aan.

Daarna verhaalden zij de verschijning der engelen, hunne verrukkende gezangen, hunne woorden van hoop, liefde en vrede. Jozef bewonderde deze openbaring Gods, en Maria, die stilzwijgend naar hun ongekunsteld verhaal luisterde, bewaarde daarvan alle woorden en overdacht ze in haar hart.

Bemerking. •— Bewonderen wij dit levendig geloof, deze eenvoudige, treffende godsvrucht der herders, en bezielen wij ons met dezelfde gevoelens, als wij Jezus Christus in de tabernakelen onzer kerken gaan aanbidden.

Onsc %icür Dmilii ban Ommcl. (1)

jg)p ongeveer twee uur gaans van Helmond, tusschen de welvarende gemeenten

X

X

1

Naar liet Handboekje voor de Pelgrims.

ocr page 149

x.

VEERTIEN]JE DAG.

Deurne en Asten, ligt, het eertijds, ter oorzake van een wonderdadig beeldje der Moeder Gods, zoo vermaarde Ommel.

Op den stijl van een hek, naar verhaald wordt en door Wichmans in zijn „Brabantia Marianaquot; wordt vermeld, vonden de inwoners (het moet omstreeks het jaar 1400 zijn geweest) op zekeren dag een lief beeldje van de Moeder Gods, dragende haar Goddelijk Kind op den rechterarm. Niet wetende, hoe het daar gekomen was, brachten zij het naar hunne parochiekerk te Asten, meenende dat het daar beter op zijne plaats was. Dan, o wonder, den volgenden morgen vonden zij het beeldje op hetzelfde hek. Toen zulks op dezelfde wijze nog meermalen plaats greep, stelden de bewoners, hierover ten zeerste verwonderd, hunnen herder met dit alles in kennis en brachten het beeld nogmaals naar de kerk terug.

De pastoor wilde zich nu zelf overtuigen. Hij plaatste het beeldje op het altaar van O. I.. Vrouw, sloot met zorg de kerk en hield de sleutels bij zich in de kamer. Tot zijne groote verbazing was het beeld des morgens van het altaar verdwenen en kon men het als te voren op het afsluitingshek terugvinden. Hieruit besloot hij, dat de H. Maagd die plaats tot haar bevoorrecht oord had gekozen. Hij liet onverwijld een houten kastje maken, bevestigde dit op de plaats waar het beeld gevonden

123

ocr page 150

X______________X

124 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

werd en plaatste hetzelve daarin ter openbare vereering.

Nauwelijks was de mare hiervan verspreid of uit de naburige dorpen stroomden talrijke bezoekers naar Ommel om het wonderdadige beeldje te vereeren.

Weinige jaren nadien kwam een merkwaardig wonderbaar voorval de devotie tot O. L. Vrouw van Ommel niet weinig versterken en verbreiden. Zeker rijk koopman in ijzer, een zeevaarder, Jan van Haven genaamd, verkeerde ten gevolge van een hevigen storm in het grootste gevaar van in de golven den dood te vinden. Zijn zwaar gehavend schip niet meer kunnende besturen, zag hij al zijne pogingen om de kust te bereiken, mislukken. Zijne levensmiddelen raakten uitgeput en spoedig zou hij van honger en ellende zijn omgekomen, zoo niet de Moeder Gods hem ware ter hulp gesneld. Hij zag in den slaap een hemelsch visioen en hoorde zich in dezer voege toespreken : van

Haven, indien gij dit gevaar wilt ontkomen, dan vwet gij naar Ommel gaan, daar zult gij een klein Moeder Gods-beeldje vinden, dat gij moet verheffen, zorg daarvoor en gij zult dit gevaar ontkomenquot;. Nu herleefde zijn moed; hij deed de belofte om, wanneer hij werkelijk het gevaar ontkwam, zoo spoedig mogelijk het beeldje te Ommel te gaan zoeken en al het mogelijke te doen om het te verheffen. En ziet, nauwelijks

ocr page 151

X

xC

VEERTIENDE DAG,

had hij aldus gesproken, of een gunstige wind stak op en dreef «ijn schip naar het gewenschte strand. Nu reisde hij, zijne belofte indachtig, zoolang, tot hij eindelijk, onder Asten, Ommel vond met het wonderdadig beeld van haar, die hem van een wissen dood gered had. Jan van Haven stortte voor hetzelve zijn hart in vurige dankgebeden uit, en stelde, ter vervulling zijner belofte een groote som gelds beschikbaar om daar ter plaatse eene kapel te bouwen en het beeld te doen vergulden. 13e kapel verrees weldra, doch welke moeite en kosten aan het vergulden van het beeld besteed werden, het wilde niet gelukken, zoodat het onveranderd de eikenhoutkleur behield. Tot aandenking zijner redding liet hij ook eene schilderij vervaardigen, waarin zijn wedervaren geschetst wordt. Deze schilderij te Ommel in het altaar van O. L. Vrouw geplaatst stelt voor; een ontredderd schip in volle zee ten tijde van den storm — op het dek een man in biddende houding — een man aan den oever in Spaansch kostuum — een Lieve Vrouwebeeld in een kastje aan den stijl van een hek en een kapelletje. Rondom leest men: Jan van Haven hceff vereerd O. L. Vrouw van O ut mei. Van dien tijd af werd de vereering van het wonderdadig beeld wijd en zijd verbreid en talrijk waren de gunsten, waarmede de H. Maagd het vertrouwen der pelgrims beloonde.

X

X

ocr page 152

gt;C-

X

126 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

De wonderbare genezingen in vorige eeuwen aldaar gewrocht, ten getale van 120 door getuigen plechtig bevestigd en door den Eerw. Heer Jacobus van den Boomen, rector van Maria-Schoot, in één bundel vereenigd, zijn in 1882 in bovenvermeld Handboekje op nieuw in het licht gegeven.

Volgens het verhaal van geloofwaardige personen zijn ook in de laatste jaren in de kapel merkwaardige genezingen geschied en mén ziet er vooral op de feestdagen van O. L. Vrouw en gedurende de maand Mei, eene ontelbare schare van geloovigen zich verdringen rond het beeld der H. Maagd, om voor haar hun hart vertrouwvol uit te storten.

x

Besluit. Knielen wij neder voor de beeltenis van O. L. Vrouw te Ommel, de Zoete Moeder met haar goddelijk Kind en bidden wij haar om de verheffing onzer Moeder de H. Kerk.

yi

ocr page 153

-X.

W gt;y w gt;y gt;y gt;y gt;y v gt;y gt;y gt;y gt;y gt;y gt;y

©ijfticnbc lt;rgt;aij.

t'rootÖcbcn li au .Jllaria.

De drie wonderbare leliën.

Hemel bedient zich niet zelden van 'sy*- de eenvoudigste zaken, om de meest verhevene door den mensch te doen ge-looven. Wat al wonderen verrichtte Hij, om aan de zwakken van geloof een bewijs te geven van Maria's grootheden!

De gelukzalige broeder Gilles, metgezel van den H. Franciscus, kwam eens in gesprek met iemand, die twijfelde aan de ongeschonden maagdelijkheid der H. Moeder Gods. In heiligen ijver ontstoken sloeg broeder Gilles met zijn stok op den grond en sprak met een vlammend gelaat, waarop een geloof, dat bergen kan verzetten, te lezen was: „Mijn broeder, de Moeder Gods zuas maagd voor de geboorte van het Goddelijk Kind, — en terstond schoot eene schoone lelie uit op de plaats, waar hij geslagen had. „Zij is maagdquot;, zeide hij, „bij de geboortequot;, en andermaal sloeg hij op den grond, met hetzelfde gevolg. En hij voegde er bij; „Zij is maagd na de geboortequot;, en ten derden male bracht de aarde eene lelie voort.

Het getal drie duidt volmaaktheid aan, iets dat zonder eenig gebrek is; het wonder

X

X

ocr page 154

X

128 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

der drie leliën, die uit de aarde ontsproten om het woord van den gelukzaligen Gilles te bevestigen, geschiedde ter eere der onvergelijkelijke zuiverheid van de Koningin der Maagden, en tot getuigenis der waarheid, zoo vol geloof door haren trouwen dienaar bevestigd.

'Xclmi brr iBaagb.

DE AANBIDDING DER WlJZEN.

^W|.et een goedwillig hart begaven de een-(StP voudige herders zich op de roepstem der engelen naar de kribbe van het Goddelijk Kind, om hun eenigst stoffelijk goed, de melk hunner schapen, aan te bieden. De nederige herders gingen voor, weldra zouden op hunne beurt Wijzen en Koningen volgen. — Nauwelijks hadden in het Oosten drie Wijzen dc wondere ster ontwaard, waarvan de profeet Balaam spreekt en die ons ook door Jacob als de bode der geboorte van den Verlosser wordt aangewezen, of zij begaven zich met een talrijk gevolg op weg. Terwijl zij des nachts hunnen tocht voortzetten, rust hun oog met welgevallen en vertrouwen op het gesternte, dar, zich steeds naar het Westen voortbeweegt en stilstaat, wanneer zij gedurende den dag om de brandende hitte der zon, genoodzaakt zijn te rusten. Zoo kwam de

X

X

ocr page 155

X _____X

VIJFTIENDE DAG. 129

grootsche karavaan allengs in Judea, bij Jeruzalem, — maar het hemelteeken was verdwenen. ^Vat was natuurlijker, dan dat zij meenden het doel hunner reis bereikt te hebben, nu de Hemel de geleidende ster aan hun oog onttrok. Met spoed reden zij de versterkte poort binnen en weldra zag de stad den van rijkdom schitterenden stoet door de hoofdstraten voorttrekken.

Hunne onverwachte verschijning trok aller i aandacht. Dan de nieuwsgierigheid der in-j woners naar het doel van zoo vorstelijke karavaan, werd spoedig bevredigd, toen de Oostersche reizigers vroegen: „Waar is de koning der Joden die geboren is 1 want wij hebben zijne s/er in het Oosten gezien en zijn gekomen om Hem ie aanbiddenquot;. Deze zoo onverwachte vraag moest bij de inwoners van Jeruzalem het grootste opzien baren. — Een koning der Joden? — Wel-I ke koning? — Zij immers kenden er maar j eenen: Herodes. — Terwijl deze raadselachtige vraag het onderwerp werd aller ! gesprekken, richtten de Wijzen hunnen tocht i naar het oude paleis van David. In de nabijheid daarvan sloegen zij hunne tenten op, ten einde te overnachten.

Koning Herodes wist, hoezeer hij zich door zijne talrijke misdaden en moorden bij zijn volk gevreesd en gehaat had gemaakt. Daarom vreesde hij, zoodra hij vernam

niet welk doel de voorname vreemdelingen

------;---

Meimaand Genade-Oorden

9. '%

ocr page 156

,______________________

1^0 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

in zijne stad waren gekomen, dat eene samenzwering tegen zijn troon en leven zou gesmeed zijn. — Hij liet aanstonds de vreemdelingen bij zich ontbieden om hen met passende eerbe wij zingen in zijn paleis te ontvangen. — De Wijzen verhaalden hem alles: hoe vóór eeuwen eene voorspelling was gedaan, hoe de ster was verschenen en wederom aan hun oog was onttrokken, welk het doel hunner zoo lange en kostbare reis was. Herodes ontstelde en beefde meer dan ooit; en dadelijk rijpte bij hem het plan om dezen gevaarlijken mededinger naar zijn troon om het leven te brengen. Met staatkundige sluwheid veinst hij de vorstelijke vreemdelingen in alles ten dienste te staan en ondervraagt hen, alsof hij niets vuriger wenscht dan ook zoodra mogelijk aan den nieuwen koning zijne hulde te brengen. Hij roept dus alle overpriesters en schriftgeleerden bijeen, en vraagt hen, waar de Christus moest geboren worden. Het antwoord kan niet moeilijk zijn; „Tc Bcihlehem, eene stad gelegen in „den stam van Judoquot;; en ten bewijze daarvan wordt de voorspelling van den Profeet aangehaald : „GijBefhlehem, land van Juda, „siji geenszins de minste onder de hoofdsteden van Juda, want nit n zal de Heer-„scher voortkomen, Die mijn volk besturen „zalquot;. (') Nu wist de wreedaard genoeg ; met geveinsden glimlach op het gelaat

(i) Mich. V. 2,

ocr page 157

VIJFTIENDE DAG. 13I

spreekt hij de Wijzen toe: „Gaai en on-„derzoeki nauwkeurig naar hei kind, en als tiSy het zult gevonden hebben, boodschapt het mij, opdat ook ik konte en hef aanbidde.quot; Zonder argwaan te koesteren, beloofden de Wijzen aan het verlangen van Herodes te zullen voldoen, en vertrokken zij in de grootste stilte uit Jeruzalem. Het was reeds nacht, toen zij op hunne kameelen het trotsche paleis van Herodes verlieten en den weg naar Bethlehem insloegen. Zie, daar tusschen die duizenden flikkerende sterren fonkelt ook weder met helderen glans het geliefde en aanstonds in het oog vallend gesternte, dat zij in het Oosten hadden gezien, en dat nu hun gids zal zijn tot op de plaats, waar het door een buitengewoon teeken — door welk weten wij niet met zekerheid — aanwijst, waar het goddelijk Kind nederligt. Zij treden binnen in den stal, het paleis van den verborgen God, knielen voor Hem neder, aanbidden Hem, openen hunne schatten en offeren Hem ten geschenke; goud, wierook, en mirre. Spoedig ondernemen zij de terugreis, echter niet alvorens een Engel des Heeren hen met de booze plannen van Herodes bekend gemaakt en bevolen had langs een anderen weg dan zij gekomen waren, naar hun vaderland terug te keeren. Gehoorzamende aan de stem des Hemels, kwamen de Wijzen niet meer te Jeruzalem.

ocr page 158

132 meimaand der genade-oorden.

Bemerking. —• Deze rechtschapen mannen, gekomen uit heidensche landen, weten Jezus te vinden en mogen Hem aanbidden. God zelf draagt zorg dat zij niet vallen in de strikken, welke hun gelegd worden door den sluwen Herodes. — God waakt over degenen, die Hem van harte dienen, en de listigste plannen tegen hen gesmeed, worden verijdeld.

Onsc 'Xiclic Proulu ban ben ünlujni jjiu te iMrótfjor.

f^aar eene bestendige traditie getuigt, i-vt heeft de vereering \'an Onze Lieve Vrouw te Oirschot nagenoeg onder dezelfde omstandigheden een aanvang genomen als die van Meerveldhoven. Een klein beeld der H. Maagd, door twee koeherders tegen een eik geplaatst en door de bewoners van een naburig dorp weggenomen, werd 's an- ! derendaags op dezelfde plaats teruggevonden. I Dit wonder voorval gaf aanleiding om daar ter plaatse O. L. Vrouw bijzonder te vereeren. Het duurde niet lang of ook ! te Oirschot toonde de Koningin des Hemels haar groot vermogen door wonderbare genezingen.

Met machtiging der kerkelijke overheid werd eene processie naar O. L. Vrouw van den Heiligen Eik ingesteld, die jaarlijks op Zaterdag voor het feest van den

X

ocr page 159

vijftiende dag,

H. Joannes den Dooper gehouden werd. Hierbij werd eertijds in de open lucht gepredikt, gebeden en gezongen; in het jaar 1606 echter werd eene steenen kapel opgericht. — Alsdan noodigde pastoor Vladeracus van den preekstoel allen uit om getuigenis te komen afleggen van de wonderbare genezingen, die zij door Maria's hulp meenden verkregen te hebben. Velen beantwoordden aan deze oproeping. Onder eede, ten overstaan van Schout en Schepenen, van den Pastoor, een Kanunnik en een Notaris werden hunne verklaringen afgelegd; en de herder mocht het genoegen smaken persoonlijk elf wonderdadige genezingen voor het nageslacht op te teekenen.

Niettegenstaande de slooping der kapel in het jaar 1649 bleef de vereering van O. L. Vrouw van den H. Kik voortduren. De geloovigen wierpen eerst eene bidplaats op van graszoden en stichtten eindelijk wederom eene kapel, sedert 1S54 door een sierlijk bedehuis vervangen. Hierdoor in haren vroegeren luister hersteld, herleefde sedert meer en meer de devotie tot Onze Lieve Vrouw van den Heiligen Kik te Oirschot.

Besluit. Vertoeven wij in den geest eenige oogenblikken in dit Heiligdom van Maria, om te bidden voor de bekeering der zondaars.

ocr page 160

K ^

X

Ecsticnbc T^art.

d3i'natljcbcn ban jKaria.

Openbaring aan de H. Birgitta.

QfffilLi) lezen in het Eerste Boek der Open-baringen van de H. Birgitta, dat de Verlosser zijne Heilige Moeder vergelijkt bij eene wonderbare bloem, opgeschoten in een dal tusschen vijf bergen gelegen. Deze bloem had drie wortels en een enkelen recht opgaanden steel zonder geledingen. Uit dezen steel ontsproten vijfbladeren, die een wonderbaren geur verspreidden. Naarmate de bloem groeide — en dat was wel het grootste wonder — verhief zich ook het dal gelijkmatig in de hoogte, zoodat de bloem eindelijk prijkte boven de bergen en hare bladeren den hemel schenen te raken. ■— De H. Birgitta luisterde met gespannen aandacht naar de verklaring welke onze Heer Jezus Christus haar van deze geheimvolle voorstelling gaf. — De vijf bergen waren vijf der beroemdste mannen van het Oude Verbond: Mozes, de gezaghebbende gezant Gods, — E1 i a s, uitmuntende door de reinheid zijns levens, —• Samson, vermaard om zijne meer dar. menschelijke sterkte, —David, een toonbeeld van zachtmoedigheid, — Salomon,

'X

ocr page 161

zestiende dag.

de wijste der menschen. — De H. Maagd Maria heeft hen allen overtroffen; zij immers was de moeder van den Wetgever zeiven, Mozes was slechts zijn dienaar; — zij is door hare hemelsche reinheid de Koningin der Engelen, en daarom ver boven Eli as verheven; — zij heeft eene grootere overwinning behaald dan die van Samson op de Filistijnen, door den kop van de helsche slang te vermorzelen; — zij heeft het geduld en de zachtmoedigheid in veel hoo-geren graad beoefend dan David, — zij heeft nooit, zooals Salomo n, de ware wijsheid verloren. -— De drie wortels dier geheimzinnige bloem waren de gehoorzaamheid, de kuischheid en de godsvrucht; de rechtopgaande stengel de goede, oprechte meening. De vijf bladeren beteekenden haar ongeschondene maagdelijkheid, haar medelijdend hart, hare goedheid, schoonheid en liefde tot God.

Xcücn bnr I}. JDaantb.

De zuivering.

f,|et maagdelijk moederschap van Maria 3 was geheel onbekend aan de menschen en daarom, zegt de grooie Bossuet, wilde zij zich gaarne onderwerpen aan de wet van Mozes, die voorschreef, dat eene vrouw, welke moeder was geworden, zou gezuiverd,|et maagdelijk moederschap van Maria 3 was geheel onbekend aan de menschen en daarom, zegt de grooie Bossuet, wilde zij zich gaarne onderwerpen aan de wet van Mozes, die voorschreef, dat eene vrouw, welke moeder was geworden, zou gezuiverd

I3S

ocr page 162

X gt;?

136 MKIMAAND DER GENADE-OORDEN.

worden. Deze wet was niet verplichtend voor de zuivere Bruid van den H. Geest, die haar van alle smet had gevrijwaard, maar zij wilde, dat ook hare nederigheid en onderwerping door de toekomstige geslachten zouden worden bewonderd en nagevolgd. — Verre van hare Onbevlekte Ontvangenis en haar maagdelijk moederschap bekend te maken, wilde zij getrouw -—■ zooals de andere moeders — de wet vervullen en vertrok zij naar Jeruzalem.

Maria, zoo verhaalt ons eene algemeen verspreide legende, rustte op hare réis naar Jeruzalem onder een terpentijnboom, ten einde haar goddelijk Kind het noodige voedsel te schenken. Van af dien tijd bezat die boom eene geheime kracht om ziekten op eene onverklaarbare wijze te genezen. Nog vóór tweehonderd jaren stond die boom in de hoogste eer en werd hij door vele pelgrims bezocht.

Wij kunnen ons voorstellen, hoe de heilige echtgenooten in het voorbijgaan hunne gebeden . stortten bij het graf van Rachel, dat op hunnen weg lag. Toen konden zij nog niet denken, dat de treurende moeder van Jozef en Benjamin eene voorafbeelding was van de moeders, welke eenige dagen later op de bergen van Juda hare kinderen zouden beweenen, die om Jezus' wille vermoord zouden worden. — Op denzelfden tocht kwam het H. Huisgezin voorbij een treurenden olijfboom, en de H. Maagd

Xquot; %

ocr page 163

.X

zestiende dag

hoorde een zacht, maar droevig geruisch, dat niet ongelijk scheen aan een mensche-lijken klaagtoon en eene koude rilling door al hare leden deed gaan. Deze boom, zoo zegt de legende verder, werd geschuwd door de vogels, omdat daaruit later het kruishout is vervaardigd, waaraan Jezus zijn bloed vergoten heeft.

Bemerking. — De H. Maagd geeft ons steeds een voorbeeld van nederigheid en ; gehoorzaamheid. Wat schoone les voor ons zwakke, hoovaardige, verwaande schepselen ! Laten wij onzen hoogmoed fnuiken, al onze driften beteugelen en naar best vermogen de deugden der H. Moeder Gods navolgen.

TGiebc JDroulu lian TCoiirbcs.

ii Februari 1858.

[) dezen gedenkwaardigen dag,

Onbevlekt Ontvangene Maagd

en Moeder Gods Maria zich gewaardigde aan een eenvoudig onschuldig kind, Ber-nadette Maria Soubirous, in de rots van Massabielle nabij de stad Lourdes te verschijnen.

De naam dezer kleine stad, van ongeveer 6000 zielen, in het Zuiden van Frankrijk, schilderachtig gelegen aan den voet der Pyreneën,die Frankrijk van Spanje scheiden, was vóór dezen merkwaardigen dag in de wereld schier onbekend; en thans: geen

X

gt;Cquot;

ocr page 164

138 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

katholiek kind, dat Lourdes niet kent; geen huisgezin, waar niet de beeltenis van O. L. Vrouw van Lourdes binnendrong; geene plaats van beteekenis, waar niet meerdere vrome pelgrims zich ter bedevaart naar het verre Lourdes vereenigden. Want te Lourdes is Maria verschenen en heeft zij zich getoond als de Onbevlekt Ontvangene, de minnelijke Moeder des Heeren, de Machtige Maagd, de Behoudenis der Kranken, de Hulp der Christenen, de Moeder der wonderen. „Lourdesquot; — zoo schrijft Z. D. H. Mgr. Germain, bisschop van Cou-tances, in een zijner herderlijke brieven —-„beteckeuf fhans: het genade-oord van het mirakel, hei onwraakbare bewijs van Gods Ahnacli/. Het mirakel toch, overal elders eene ui/zondering, wordt daar als een gewoon feit, gij oninwei het bij iedere schrede, gij voelt hetquot;.

Wat is er te Lourdes geschiedt?

Een weinig buiten het stadje woonde te dien tijde een eenvoudige daglooner, Francois Soubirous genaamd, gehuwd en vader van vier jeugdige kinderen, van welke Ber-nadette de oudste was, Zij was een eenvoudig, oprecht, onschuldig meisje, doch zwak en teeder van lichaamsgestel, en had den leeftijd van 14 jaren bereikt.

Op 11 Februari dan van het jaar 1858 — Donderdag vóór de Vasten —■ had Berna-detta van hare moeder verlof bekomen om in gezelschap van hare jongere zuster Maria

ocr page 165

139

ZESTIENDE DAG.

en nog een kind uit de buurt Johanna ge-heeten, droog hout te gaan verzamelen aan de boorden der rivier de Gave, die stroomt langs de bergen en rotsen in de nabijheid der stad. Een weinig van hare speelgenooten afgeweken en ter plaatse gekomen, waar de rotsberg den naam van Massabielle draagt, hoort zij plotseling het geluid als van een hevigen wind. Zij slaat hare blikken opwaarts naar den top der populieren aan de oevers der rivier, doch ziet verbaasd, dat hunne takken zich niet bewegen, en alles rondom haar in rust is. Het jeugdige kind meende zich te hebben vergist, toen zij weldra wederom een hevig suizen als van den wind waarnam. Nu had zij opgemerkt van waar het ruischen tot haar kwam, en hare blikken richtend naar eene holte in den overhellenden rotswand van den steilen berg, aanschouwt Bernadette in deze grot, te midden van een schitterend maar zacht licht, eene vrouw van verrukkende schoonheid, in een sneeuwwit kleed, door een blauwen gordel omstrengeld, terwijl een blanke sluier van het hoofd over de schouders nederhangt; de oogen zijn hemelwaarts gericht, de handen voor de borst samengevouwen, en een Rozenkrans met gulden kruis hangt aan den rechterarm; hare voeten rusten op den wilden rozelaar, die tegen de rots groeide, en dragen elk eene schoone witte roze. Zij wenkte haar te naderen.

X

ocr page 166

140 MEIMAAND ])ER GENADE-OORDEN.

Het eenvoudige kind waande zich aan zinsbedrog onderhevig, wreef zich de oogen, aanschouwde echter niet minder duidelijk, | wat zij gezien had. Zij waagt het dan „De Schoone Vrouwequot; te naderen, gaat enkele schreden voort, maar staat, van eerbied vervuld, plotseling stil als aan die plaats gebonden. Bernadette valt op de knieën, de oogen onafgebroken naar „1 )e Schoone Vrouwequot; gericht, die de koralen van den Rozenkrans langzaam door de vingeren laat j glijden. Hierop haalt ook het kind den Rozenkrans uit den zak. De Verschijning maakt zelve het kruisteeken, als om haar tot bidden aan te sporen, en het meisje begint den Rozenkrans, bijna het eenige gebed, dat zij kende, te bidden. Bij het voortzetten van dit gebed toont haar de Vrouwe een meer en meer lieftallig gelaat, en speelt een engelachtig zoeten glimlach om hare lippen. Eindelijk, na het eindigen van het gebed, dat ongeveer een kwartier kan geduurd hebben, verdwijnt zij uit de oogen van het kind, terwijl de zachte lichtglans nog eenige oogenblikken aanhoudt.

Bernadette stond uit hare vervoering op. Haar gelaat droeg nog den indruk der verschijning, toen zij zich weder bij hare gezelinnen voegde, die, ofschoon in de nabijheid, niets gehoord of gezien hadden.

Bernadette stond hierover zeer verwonderd, en ofschoon aarzelend, verhaalde zij op dringend aanzoek der beide kinderen

X

X

ocr page 167

zestiende dag.

alles, wat zij gezien had. Ofschoon deze haar eerst geheimhouding beloofd hadden, konden zij niet zwijgen en draalden niet te huis alles te vertellen, wat Bernadette haar had medegedeeld. Niemand echter sloeg er geloof aan; ja de moeder verbood haar kind, daar nog terug te gaan.

Besluit. Knielen wij met Bernadette eenige oogenblikken neder, om de onschuld des harten door bemiddeling der Onbevlekt Ontvangene af te smeeken.

ocr page 168

2'cbcnticnbc T'aij.

«jpraottjcbcn lian jBaria.

Haar deelgenootschap in Gods vol-

'X

maakthel )en

lt;~~)c Allerheiligste Maagd gaf op zekeren ^ dag aan de H. Birgitta eene gedachte van hare verhevene volmaaktheden, verklarende dat haar lichaam en geest reiner zijn dan de zon en dat zij al het geschapene in schoonheid overtreft. Zij zeide ook, dat wie haar beschouwde, de drie Personen der H. Drievuldigheid zag, die op eene onuitsprekelijke wijze haar tot eene rustplaats hebben uitgekozen en haar eeni-gennate deelachtig hebben gemaakt aan hunne volmaaktheden. Volgens den H. Bo-naventura is Maria zoo nabij God, is hare heiligheid zoo schitterend en is zij zoo hoog verheven, dat het onmogelijk is een volmaakter schepsel te vinden, noch eene meer geschikte deelgenoote van de goederen des Scheppers. ■— Door zijne onmetelijkheid en ondeelbare eenheid is God overal tegenwoordig, ziet Hij alles, omvat Hij alles. Als Moeder Gods en als Koningin des Hemels en der aarde heerscht Maria over de geheele uitgestrektheid van het Gods-gebied. In heiligheid overtreft zij al de

X-

ocr page 169

143

andere Heiligen. Hare goedheid is zoo groot, dat zij die van God het meest nabij komt en onuitsprekelijk mag genoemd worden. Door het goddelijk geheim der mensch-wording is zij moeder geworden en maagd gebleven, twee hoedaniamp;heden reeds ver-heven in zich zelve, die door een eenig voorrecht in Maria vereenigd, haar tot eene onbeschrijfelijke waardigheid verheffen. Daarom mag men met recht zeggen, dat Maria — wanneer men de allerheiligste Menschheid van haren goddelijken Zoon buiten beschouwing laat — het allerschoonste schepsel is, dat uit Gods hand is voortgekomen; — en toch, wat al schoonheden, wat al verbazende wonderen heeft God geschapen' De profeet Jeremias zeide dus niet te veel, wanneer hij voorspelde, dat God een nieuw wonder op aarde zou bewerken; want na de onbegrijpelijk ver-eeniging van een Goddelijken Persoon met de menschelijke natuur in Jezus Christus, mag niets in vergelijking komen met de Heilige Moeder-Maagd.

Xclu-n her ï). JDaartti.

De opoffering van Jezus in den tempel. ;|pot gedachtenis van dien merkwaardigen '^il? nacht, waarin alle eerstgeborenen van Egypte door den Engel des doods werden

ocr page 170

X

144 meimaaxd der genade-oorden.

geslagen, de Israëlieten echter gespaard bleven, had de Wet bepaald dat alle eerst-geborene zonen in den tempel moesten worden opgedragen en toegewijd aan den dienst des Heeren. Het was den ouders echter vergund ze weder vrij te koopen voor een zekeren losprijs, bepaald op vijf sikkels.

Den 4ost,:1, dag na de geboorte van Jezus, kwamen Jozef en Maria den tempel van Jeruzalem bezoeken, als offergift aanbiedende twee duiven, eene als dank-, eene als zoen- of reinigingsoffer en de vijf sikkels tot vrijkooping van hun Kind.

En ziet! er leefde te Jeruzalem een grijsaard, wiens naam was Simeon, die van den H. Geest eene openbaring had ontvangen, dat hij den dood niet zou zien, alvorens hij den Gezalfde des Heeren had aanschouwd. — I )oor hooger toedoen was deze godvreezende man in den tempel, toen de H. Familie daar aanwezig was om de wet te volbrengen; — de Geest Gods getuigde hem dat daar was de Messias der wereld. Wie zal ons beschrijven, met welke innige vertrouwelijkheid en met welke tee-dere liefde hij den kleinen Jezus van den arm zijner moeder overnam, — hoe hij Hem aan het hart drukte, met welgevallen zijne oogen op het bevallige Kind liet rusten, en hoe de vreugdetranen vloeiden over zijn eerbiedwaardig gelaat. —• Zie hem daar staan den vromen grijsaard, zijne

X

X

ocr page 171

145

betraande oogen hemelwaarts heffende; hoor hem zijne ziel uitstorten in den lofzang: „Heer, nu laat Gij naar uw woord uwen dienaar in vrede gaan; want mijne oogen hebben uw heil aanschouwd, hetwelk Gij bereid hebt voor het aangezicht aller volkeren: een licht tot verlichting dei-heidenen, en tot heerlijkheid van uw volk Israëlquot;. — Verheugd ontvingen de ouders hun lieveling weder, en Simeon zegende hen en noemde hen gelukkig met zulk een Kind. Dan tot Maria alleen het woord richtende, voorspelde hij, c.at dit Kind voor velen een steen des aanstoots, voor velen ook de opstanding zoude zijn; dat de boosheid des volks Hem zoude versmaden, en dat een zwaard van droefheid ook hare eigene ziel zoude doorboren.

Vreeselijk woord, dat nu reeds het moederlijk hart van Maria moest wonden en j haar een voortdurend martelaarschap deed :: doorstaan. Wel daalde Simeon niet in bij-j zonderheden af, doch juist dit deed Maria | te meer vreezen en lijden. Niet ééne smart, I ééne foltering, één dood, — maar duizend pijnen, duizend martelingen, duizend dooden stonden reeds dreigend voor haren geest, gereed om haar eenig Kind te treffen. Doch hoe groot het lijden ook was, dat haar thans overviel en haar zou blijven vergezellen, zij onderwierp zich nederig aan den wil des Heeren en zuchtte droevig: „Heer, uw wil geschiedequot;. De nakomelinge van Abraham

ocr page 172

146 meimaand der genade-oorden.

droeg, even als hij, haar eigen Zoon als een slachtoffer aan den Heer op, met dit onderscheid, dat Deze haar offer zeker zoude aannemen en zij de moeder van het slachtoffer was.

■ Terwijl dit plaats greep, naderde ook eene hoogbejaarde profetes, met name Anna, dochter van Phanuêl, uit den stam van Aser. Ook zij erkende in het kind van Maria den Zaligmaker der wereld. Zij loofde den Heer en sprak van Hem tot allen die de verlossing van Israël ver-! wachtten.

Toen Maria cn Jozef alles naar de Wei I i/es Heeren volbracht hadden, verlieten zij '■ \ den tempel cn keerden terug naar Nazareth ; in Gahlea, waar zij vroeger gewoond had- 1 den (Luc. II. 39).

Bemerking. — God openbaart zijne geheimen slechts aan hen, die een inwendig, verstorven en ingetogen leven leiden. Het was den priester, die in den tempel dienst deed, niet gegeven om in dit kind Den-gene te erkennen, die het aanschijn der aarde zou veranderen; -— een eenvoudige grijsaard en eene vrouw, oud van jaren, mochten door ingeving des H. Geestes den Zaligmaker erkennen.

X

X'

ocr page 173

X - __

ZEVENTIF.XDE DAG. 147

On.ie Xicbc J?roiihi ban 'Xourbcs.

( Vervolg-.)

f^rie dagen na de eerste verschijning kre-^ gen de drie kinderen (het was op den Zondag) nogmaals verlof naar de Massa-bielle-rotsen te gaan. Zij traden echter eerst de kerk binnen om te bidden en gewijd water in een fieschje mede te nemen. In de nabijheid der grot gekomen, verscheen de geheimzinnige Vrouw wederom aan Ber-nadette, die alléén van het drietal haar aanschouwt; maar de kinderen, die naast haar staan en den glans aanschouwen, die de vervoering aan haar gelaat mededeelt, twijfelen geen oogenblik aan de werkelijkheid der verschijning. In kinderlijken eenvoud hadden zij Eernadette het middel aangewezen om den boozen geest te verdrijven, indien deze soms die verschijning bewerkte, en haar raad opvolgend, besprenkelde het kind ,,De Schoone Vrouwequot; driemaal met wijwater. Deze echter naderde haar, lachte het meisje minzaam toe, en verdween eindelijk als de eerste maal zonder tot haar te spreken.^rie dagen na de eerste verschijning kre-^ gen de drie kinderen (het was op den Zondag) nogmaals verlof naar de Massa-bielle-rotsen te gaan. Zij traden echter eerst de kerk binnen om te bidden en gewijd water in een fieschje mede te nemen. In de nabijheid der grot gekomen, verscheen de geheimzinnige Vrouw wederom aan Ber-nadette, die alléén van het drietal haar aanschouwt; maar de kinderen, die naast haar staan en den glans aanschouwen, die de vervoering aan haar gelaat mededeelt, twijfelen geen oogenblik aan de werkelijkheid der verschijning. In kinderlijken eenvoud hadden zij Eernadette het middel aangewezen om den boozen geest te verdrijven, indien deze soms die verschijning bewerkte, en haar raad opvolgend, besprenkelde het kind ,,De Schoone Vrouwequot; driemaal met wijwater. Deze echter naderde haar, lachte het meisje minzaam toe, en verdween eindelijk als de eerste maal zonder tot haar te spreken.

Bernadette ging een derde maal naar de grot op den eersten Donderdag in de Vasten, nu vergezeld van twee godvreezende personen, Mejuffrouw Peyret en Mevrouw Millet. Men verlangde te weten, wie die i „Schoone Vrouwequot; was, die op deze wijze

ocr page 174

X

148 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

aan de onschuldige Bernadette verscheen. „Gij moet aan de Vrouwe vragen — zeiden zij — wie zij is en wat zij wil; en als gij het niet goed begrijpt, dat zij het voor u opschrijve, wij zullen schrijf-benoodigdheden medenemenquot;.

Verlangend om op de plaats der verschijning te zijn, was Bernadette hare gezellinnen een eind vooruit geloopen en lag reeds geknield den Rozenkrans te bidden, de oogen naar de grot heengericht, toen deze aankwamen. Eensklaps slaakte zij een gil, hief hare handen omhoog en riep uit: „Zij is cr, zij is er, zij wenkt mij te naderenquot;. Mejuffrouw Peyret en Mevrouw Millet hadden intusschen eene gewijde kaars ontstoken en zagen sprakeloos het kind aan, dat geheel in verrukking was. Eindelijk reikten zij Bernadette papier met pen en inkt over en zeiden: „Ga dichter bij de Vrouwe, en vraag haar op het papier haren naam te schrijven en wat haar verlangen isquot;. Het kind naderde den rozelaar, hief zich op de teenen omhoog en bood de Vrouwe de schrijfbehoeften aan. De Verschijning glimlachte en antwoordde aan het kind: „Wat ik n heb mede te deelen, behoef ik niet te schrijven-, doe mij hei genoegen 7gt;an gedurende veertien dagen hier terug te komenquot;. — „Ik beloof het uquot;, antwoordde Bernadette. — „En ikquot;, zoo vervolgde de Vrouwe, „ik beloof n gelukkig te sullen maken, niet in deze

ocr page 175

X . ___

zeventiende dag. 149

wereld, maar in de anderequot;. Bernadette keerde, zonder echter het oog van de Verschijning af te wenden, naar hare gezellinnen terug en bemerkte, dat „De Schoone Vrouwequot; een goedgunstigen blik wierp op Mejuffrouw Peyret, die lid was van de Congregatie der Kinderen van Maria; „Zij ziet u op dif oogenhlik aanquot;, zeide het kind, waardoor deze zoozeer getroffen was, dat de zoete herinnering daaraan haar nooit heeft verlaten.

Bernadette verhaalde dan, wat zij vernomen had. De twee dames stelden haar voor aan de Vrouwe te vragen of zij haar gedurende die veertien dagen mochten vergezellen, en toen Bernadette deze vraag aan de Verschijning overbracht, ontving zij ten antwoord: „Zij mogen vief n komen en ook anderen, wan/ ik wensch hier een grooten toeloop 7'an volk te zienquot;.

Na deze woorden verdween zij, terwijl de lichtgloed, die haar omgaf, zich slechts langzaam oploste. Te huis weergekeerd verhaalde Bernadette, wat zij aan „De Vrouwe van de Grotquot; beloofd had, waarop hare ouders besloten hun kind de volgende dagen te vergezellen.

Besluit. Knielen wij vol eerbied neder voor de Onbevlekt Ontvangene Machtige Maagd, en bidden wij haar ook ons in het andere leven te willen gelukkig maken.

ocr page 176

________________________________^

^ ;t; ;t; ;t; ;tgt; lt;t; lt;tgt;

Jtcljtticnbc ^Diiij.

aïrootijcbni ban jEaria.

Zij IS DE TEMPEL GODS.

.cSfcl wat uit den mond der gezegende lt;oif.. Moeder Gods voortkwam, ademde wijsheid, zedigheid, godsvrucht en liefde, even zoovele deugden, welke hare ziel versierden. De HH. Vaders noemen haar den tempel Clods, den levenden, heiligen, wonderbaren tempel, die waardig is de verblijfplaats te wezen van Gods glorie. — Menigmaal vergelijkt men haar bij den tempel van Salomon met zijne vier afdeelin-gen: het dubbele voorhof, het inwendige of het heilige, en het heilige der heiligen.

Zoo vindt men ook in Maria het voorhof der heidenen. Alle volkeren der aarde, zonder eenige uitzondering — zij mogen dan nog zoo diep in de duisternis van liet heidendom verzonken liggen en . nooit een straaltje van het licht der Waarheid aanschouwd hebben, •— vinden bij haar bescherming; hare moederliefde — zij is immers i de moeder aller menschen — sluit niemand uit; zij neemt allen op en kent hier geen aanzien van personen.

Daarop volgt het voorhof van Israel, waar Maria de ware geloovigen, haar

ocr page 177

achttiende dag.

dubbel dierbaar als de aangenomen kinderen en medeerfgenamen van Jezus Chris-| tus, ontvangt en hun eene plaats aan-: wijst, volgens de maat van hunne gods-i vrucht en ijver in den dienst des Heeren. ; De met goud bekleede tafel, de toon-brooden, — het reukaltaar, de kandelaar met zeven armen en het veelkleurig zijden voorhangsel des tempels beteekenen haar levendig geloof, — haar volhardend gebed, de zeven gaven van den H. Geest en de andere deugden welke zij in alle volheid en volmaaktheid bezit.

Het heilige der heiligen, waar de Hooge-priester slechts eenmaal in het jaar binnentrad, is haar kuische schoot, haar heilig en onbevlekt Hart, de heilige ziel dier goddelijke Moeder, waarin Jezus Christus zijne intrede deed op het oogenblik zijner menschwording.

TEcbcii tier 1|. ,lBaaijb.

De vlucht naar Egypte.

fl^Tauwelijks waren Maria en Jozef in j Neder-Galilea wedergekeerd of zij

\ moesten eene lange en gevaarlijke reis ondernemen naar het oord van ballingschap. Des nachts verscheen een Engel des Heeren aan Jozef in den slaap en sprak hem toe : „S/a op, en neem hef Kind en zijne Moeder en. vlucht naar Egypte,

gt;c

ocr page 178

152 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

en blijf aldaar, ioidat ik hef. u zal zeggen. lVa.nl Her odes gaai hel Kind zoeken, om hei ie doodenquot;. — Wanneer de eerste droevige indruk, welke deze woorden op Jozef maakten, voorbij is, aanbidt hij Gods heiligen wil en gaat Maria wekken, die bij de kribbe van Jezus den zoeten en zachten slaap der Engelen sliep. Spoedig maakt Jozef haar met de verpletterende tijding bekend.

Maria werpt een blik vol mededoogen op haar lieveling, verzamelt spoedig het hoog noodige voor de reis, eenige doeken en kleederen; de getrouwe ezel stond spoedig gereed, en daar gaat in alle stilte de H, Familie, begunstigd door een helderen ; sterrenhemel, op reis naar het land der ballingschap, naar Egypte. — De H. Jozef leidt het dier, waarop Maria met haar Kind \ op den arm gezeten is, en stapt met vluggen tred voort. Zoo gaat reeds nu de voorzegging van Simeon in vervulling. Nauwelijks geboren wordt Jezus nog in de kribbe liggend, achtervolgd door een wreeden koning, en is genoodzaakt met zijne moeder, zoo teeder, zoo jeugdig, zoo heilig, te vluchten in het midden van den nacht, alleen beschermd door den bejaarden Jozef. Toen de bode des Hemels aan Jozef het bevel kwam brengen om te vertrekken, gaf hij niet de verzekering, dat hij hen tegen alle gevaren zou beschermen, zooals weleer de Aartsengel Rafaël beloofde aan den jongen

ocr page 179

__X

ACHTTIENDE DAG. 153

reiziger naar Rages. Toch wist de H. Jozef, dat God de H. Familie in haar droevig lot niet zou verlaten en hij onderwierp zich aan des Heeren aanbidcelijken wil.

Men was in het koude jaargetijde;. de weg was lang, ongebaand en oneffen; struikgewas belette menigmaal het voortgaan en maakte een omweg noodzakelijk. ■ „En watquot; — vraagt de H. Bonaventura — „vonden zij op hun tocht te eten ? AVaar konden zij des nachts uitrusten ? Was.r werd hun een onderkomen aangeboden ? Ach, zij hadden geene andere spijze dan een stuk droog brood; onder den blooten : hemel of onder een boom of achter struiken moesten zij den nacht doorbrengen.quot; Zoo trokken zij voort met den kwellenden angst van vluchtelingen en met de nijpende armoede van bannelingen. Na alzoo een I weg van minstens honderd mijlen te hebben ; afgelegd, welke een inspanning van hen | vorderde van zeker dertig dagen, kwamen i zij eindelijk te Heliopolis in Egypte aan. ; Eene schoone legende omtrent deze reis j der H. Familie mag hier niet onvermeld • blijven. —■ Eens rustte de H. Familie des i nachts in de grot van een roover. De vrouw van den hoofdman der bende — misschien bewogen door de bange smart, welke haar kwelde — ontving ze met | ruwe, doch hartelijke gastvrijheid. Zij had een schoon kind, het leven harer ziel, het eenig schuldeloos wezen onder al deze

ocr page 180

________T_

154 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

booswichten. Dat kind was met melaatsch-heid geslagen en dit vervulde haar hart met vrees en droefheid. Maria verzocht om water, ten einde Jezus te wasschen. De vrouw des roovers bracht het haar, en Jezus werd gewasschen. Hierna wiesch ook de moeder den kleinen melaatschen Disnias in hetzelfde water, en zie, zijn vleesch werd rooskleurig, frisch en zuiver, — het kind i was genezen en het moederhart getroost. I Lange jaren verliepen na dit voorval. Het j kind ontwies aan de armen der moeder, i en de jeugdige Dismas werd bij de roo-; versbende ingelijfd. Zijn leven werd eene aaneenschakeling van misdaden. Einde-i lijk werd hij gevangen naar Jeruzalem gevoerd en ter kruisdood veroordeeld. En — o wonder van Gods barmhartigheid —■ naast hem hing op hetzelfde uur, Jezus, ; die sterven ging voor zijn volk. En hij, I die nu nog met deerlijker melaatschheid was geslagen, werd in Jezus bloed gereinigd; voor de gastvrijheid eener ellendige grot gewerd hem de gastvrijheid van het paradijs; en de liefde zijner moeder werd door de liefde van de Moeder der smarten vergolden (!)

Bij de poort van Heliopolis, waar de Joden eene volkplanting hadden, stond een reusachticre boom, aan welken de Arabieren

(') Vergelijk het degelijk werk „Leven van Jezusquot; door Van Etten.

ocr page 181

achttiende dag.

155

eene zekere vereering bewezen. Bij de nadering der H. Familie — zoo luidt de legende — boog deze afgodsboom zijne trotsche takken om het kind van Maria te groeten, en — mag men een heidensch geschiedschrijver gelooven — alle afgodsbeelden, die zich in de nabijheid der stad bevonden, zijn voorover ter aarde neergeworpen, op het oogenblik dat de heilige reizigers binnentraden onder de granieten gewelven der poort van Heliopolis. Maria en Jozef verbleven eenigen tijd in deze stad bij hunne landgenooten en vestigden zich vervolgens te Matariëh, een bevallig , stadje, bekend om zijne menigvuldige vijgeboomen en de eenige zoetwaterfontein van den omtrek. (') Daar verbleef de H. Familie in vrede, ver van den wreeden Herodes.

Bemerking. — Talloos zijn in dit aardsche leven de moeilijkheden, waaruit de menschen ons niet kunnen helpen, maar

(') Volgens Ch. Kieckens „Dagboek mijner reize naar liet H. Landquot;, is uit den stam van den sycomore, waaronder de II. Familie gerust heeft dezelfde moerbezie-viigeboom opgeschoten, die nu nog vereerd wordt. — Het zoete water der fontein bij den Maria-boom zou oorspronkelijk bitterzout zijn geweest, maar — naar de legende verhaalt — in zoet drinkwater veranderd zijn, toen Maria het Kindje Jezus daarin waschte.

X

ocr page 182

X— X

156 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

waaruit alléén de voorzienigheid Gods ons redden kan. Laten wij ons in alle om-i standigheden aan Gods heiligen wil onderwerpen; stellen wij ons onder Maria's bescherming en vragen wij, dat zij voor ons moge verkrijgen, steeds te doen wat God wil en zooals Hij het wil.

Onsc XicUc Prouln ban Xourtu-o.

(Vervolg.)

JTSernadette ging overeenkomstig hare Sjy belofte aan ,,De Schoone Vrouwequot; gedaan, dagelijks naar de grot, door eene immer aangroeiende menigte volks vergezeld.

Den 2isten Februari, den eersten Zondag in de Vasten, vertoonde zich de Vrouwe naar gewoonte, maar ijiet droefheid op het gelaat, en men zag ook Bernadette weenen. Dien dag beval haar de Verschijning: „Gij moet voor de zondaars hidden .... ,{rij moei den grond kussen voor de bekeering der zondaarsquot;.

Dinsdag, 23 Februari, deelde de geheimzinnige Vrouwe aan Bernadette een persoonlijk geheim mede en vervolgde; „En nu Beniadetie, ga aan de priesters zeggen, da/ ik hier eene kapel wil gebouwd hebben j en processié'n hierheen wil zien komenquot;. Als

ocr page 183

X

ACHTTIENDE DAG.

157

het bevoorrechte kind dit aan den Eenv. Heer Peyramale, deken van Lourdes, — een innig godvruchtig, doch voorzichtig herder — bekend maakte, zond hij haar weg en sprak: „Zeg namens mij aan de Vrouwe, dat zij mij een ieeken geve van hare macht en, daar wij in Februari zijn, den rozelaar aan haren voet doe bloeienquot;. Woensdag, 24 Februari, bracht Bernadette, terwijl eene ontzaglijke menigte haar omringde en zij in vervoering was, deze woorden aan de Vrouwe over. Deze glimlachte en beval haar te bidden voor de bekeering der zondaars en deed haar op de knieën in het binnenste der benedenste grot kruipen, ter- j wijl zij uitriep; „Boetvaardigheid! boetvaardigheid! boetvaardigheid!quot; Nadat Berna- ' dette dit volbracht had, openbaarde haar 1 de Verschijning een tweede geheim. Donderdag, 25 Februari, werd het gevraagde bewijs der hoogere macht gegeven, niet een van voorbijgaanden aard, zooals gevraagd was, door het bloeien van den rozelaar, maar een blijvend teeken, dat door wonderkracht de gemoederen zou overweldigen. Na aan Bernadette een derde geheim te hebben medegedeeld sprak de Vrouwe: „En nu mijne dochter, ga drinken aan de bron en er u wasschen; en eet van het gras, dat daar groeitquot;. Het kind wilde zich dan naar de rivier begeven, maar zij hield haar met een gebaar terug en zeide; „Ga daar niet; ik heb niet

ocr page 184

X

X

158 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

gezegd aan de Gave te drinken; ga naar de bron, zij is hierquot;. En zij wees met de hand naar de plaats. Bernadette zag er geene bron, wel enkele grasspiertjes, die daar groeiden.

Om te gehoorzamen begon zij den grond los te krabben en een kuiltje te maken. En ziet! het kuiltje vulde zich met water, dat onder hare hand opborrelde. Eerst was het drabbig, zoodat Bernadette er van walgde en het niet drinken kon; slechts den derden keer vermocht zij het vocht door te halen; spoedig echter werd het klaar en helder. Zij waschte er zich mede en at van het gras dier plaats. Intusschen borrelde het water meer en meer op; in 't eerst met een fijn straaltje, dat al grooter en sterker wordende, weldra eene overvloedige bron vormde, die thans meer dan honderdduizend liter per dag geeft en waaruit duizenden en duizenden met vreugde water scheppen ter laving en wassching, tot heil van lichaam en ziel. Reeds 's anderendaags verhaalde men genezingen, door het aanwenden van dit water geschied. Een steenhouwer, Louis Bourriette, had in 1838 — dus twintig jaar geleden — het ongeluk, dat in de mijn zijn rechteroog door een steen werd verbrijzeld, waardoor hij het gebruik van dit zintuig sedert dien totaal miste. En ziet, bij de eerste wassching ontving hij plotseling het gezicht weder. Dienzelfden avond zag men dan

X

gt;c

ocr page 185

..X

achttiende dag.

ook de steenhouwers, met Bourriëtbe aan het hoofd, optrekken naar de grot om een effen pad te kappen en een langwerpigen vergaderbak te delven, ten einde het overvloedig stroomende water der pas ontsprongen bron op te vangen.

Steeds groeide de menigte aan, die van de vervoering der kleine Bernadette bij de verschijningen getuige wenschte te zijn; het getal werd op den laatsten der veertien dagen op 20,000 menschen geschat.

1 -

Besluit. Knielen wij eerbiedig neder aan de bron van Lourdes, voor de beeltenis der Onbevlekte Maagd, om het water der genade en tranen van boetvaardigheid door hare tusschenkomst af te smeeken.

159

X

ocr page 186

e-------M

j j

Bcgcnticnbc T*aij.

a?rootljcbcu ban jllam.

Zij is de stad Gods.

,5^616 HH. Vaders zijn van oordeel, dat •€(■£ de H. Moeder Gods die verhevene stad is, welke door David genoemd wordt „de stad Godsquot;. — De H. Germanus, Patriarch van Constantinopel, zegt ons — in eene preek, gehouden op den dag, dat de gordel der H. Maagd vereerd werd, — dat zij is uitverkoren om de woonplaats te wezen van den Koning der koningen; niet om de schoone huizen, niet om de vorstelijke paleizen, welke zij Hem kon aanbieden, maar om hare tallooze en verhevene deugden.

De „koninklijke stadquot;, van welke de ! Psalmist spreekt, is de hoofdstad van ge-| heel de wereld; het middelpunt van Gods volk; de verblijfplaats der vorsten; de stad, waar over vrede en oorlog wordt beslist; de stad, onovertroffen in schoon-| heid en eene eer voor andere steden. Ziedaar even zoovele figuren van de H. Moeder Gods.

Toen weleer de eerste steen gelegd werd aan de versterkingen, welke ter verdediging van Jeruzalem werden opgericht, werd er

ocr page 187

X JC

negextif.xdi', dag.

! een groot en algemeen vreugdefeest ge-| houden. Met veel meer recht mogen wij i ons tot vreugde stemmen op den dag, I waarop de Almachtige God Maria aan de l wereld schonk, in welke eenmaal de j Messias, zijn Eenige Zoon, zijn verblijf zou vestigen en waarop Hij haar met ! deugden en genadegaven heeft overladen j ten gunste van het geheele menschdom.

Maria is de onoverwinnelijke stad. waar-j van de Koning-Profeet gezegd heeft: „GW i is in haar midden, zij zal nic/ wankelenquot;; zij is het „die verwijlf onder de bescherming van den God des hemelsquot;. Psalm xlv. 6;

i xc. t.

%clirn brr X). jEaagb,

Maria ix p.allixgschap.

fpoen Herodes de Wijzen niet zag we-derkeeren en zich dus zag teleurgesteld, werd hij zeer vergramd. Kon hij door sluwe middelen niet tot zijn doel geraken — nu zou hij voor geen openlijke vervolging terugdeinzen om het goddelijk Kind uit den weg te ruimen. —■ Dewijl hij niet wist, hoe den nieuwen koning van andere kinderen te onderscheiden, besloot hij in zijne heerschzuchtige wreedheid een algemeen bloedbad aan te richten. Hij zond dan zijne dienaren af, om in Bethlehem en in deszelfs omstreken alle knaapjes van twee jaar en daar heneden te dooden. De

161

Meimaand Genade-Oor

*

11.

ocr page 188

X

102 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

kleine Jezus was gelukkig buiten het bereik der beulen; maar aan wat razende wanhoop moeten die talrijke moeders ter prooi geweest zijn, wier kinderen aan haar hijgenden boezem, uit hare beschermende armen werden weggerukt, en vermoord!

Vele godvruchtige schrijvers en ook eene alleszins geloofwaardige overlevering melden ons, dat de Heilige Familie gedurende ■ zeven jaren in Egypte verbleef. Nog heden ten dage worden eenige merkwaardigheden als de sporen van hun verblijf aldaar aangewezen ; zoo b.v. de bron, waar Maria de doeken van het Kind ging wasschen, — de met kreupelhout begroeide heuvel, waar hunne kleederen in de zon werden gedroogd, — de vijgeboom, waaronder zij zoo menigmaal met haar lieveling lag neergeknield. Ue vrome pelgrim, ja zelfs de ongeloovige Egyptenaar heeft eerbied voor deze plaatsen. Geene plek bijna in den omtrek van Matariëh of eene of andere legende ten opzichte der Heilige Familie is er aan verbonden.

Te Nazareth had Maria een verborgen, werkzaam leven geleid ; hier, te Matariëh, zou zij dikwerf het hoog noodige moeten missen. Het moet hun groote moeite gekost hebben om het dagelijksch brood te verdienen te midden van een volk, dat een vreemdeling niet de minste achting toedroeg en zijne eigene landzaten op alle wijzen begunstigde. — De H. Basilius

ocr page 189

KKGKXTiKXUK DAG. 163

merkt ons hier op, dat Maria en Jozef arm waren, en wij het dus niet kunnen betwijfelen, dat zij alleen door harden arbeid in hunne dagelijksche behoeften hebben kunnen voorzien. En menigmaal — voegt Ludolfus de Laxonia er bij — vroeg het goddelijk Kind aan zijne Moeder eene bete broods en kon Maria het slechts tranen aanbieden.

Eindelijk was de dag daar, waarop door God de ballingschap der H. Familie werd opgeheven. De onmenschelijke Herodes stierf aan eene walgelijke ziekte en werd reeds in zijn leven door de wormen verteerd. Vervloekt door de Joden, verafschuwd door allen, verlaten van God en de menschen, wist hij dat velen zich over ' zijn dood zouden verheugen. Om dit nu j te verhinderen smeekte hij, alvorens te 1 sterven, zijne zuster Salome — verhard in de 1 boosheid zooals hij — eene uitgelezene schaar Joden, welke hij reeds bij tijds gevangen had laten nemen, ter dood te doen brengen, zoodra hij zou gestorven i zijn. Zoo zou men, tegen wil en dank, toch op den dag zijner begrafenis moeten treuren.

Nu verscheen des nachts in een droom weder een Enge! des Heeren aan Jozef, met het bevel om naar het land van Israël terug te keeren. Jozef ondernam met Maria en haar Kind de terugreis, met het doel zich naar Bethlehem in Judea te 1

ocr page 190

164 meimaand der genade-oorden.

begeven ; „maar /oen hij vcniain, daf Archelai'is, een zoon van Herodes, in Jndca I regeerde, vreesde hij derwaarts te gaan,

en in den droom onderricht zijnde, vertro/t hij naar de streken van Galileoquot; (Matth.

11. 22.)

Bemerking. — Is er wel iemand onder I ons, die zich met recht kan beklagen over ! den staat of stand waarin hij leeft, als hij ziet, hoe de allerheiligste Maagd en haar goddelijke Zoon zoo droevige lotgevallen moeten beleven, allerlei smart en ellende | I moeten verdragen ? Heeft God ons daar- \ I door niet een krachtig voorbeeld en eene heilzame les willen geven ? — Aan ons nu, deze tot ons geestelijk welzijn aan te nemen, indien wij door de moeilijkheden , en het lijden dezer wereld de onschatbare 1 goederen des eeuwigen levens willen be- | komen.

On.sc Xicür Prauln ban quot;Xnurhcj.

{Slo/.)

(fSe Verschijningen hielden op tot den quot;fég 25! ten Maart, feestdag der Boodschap. Op dien blijden dag beantwoordde de Verschijning aan het dringend verlangen van Bernadette en maakte haren naam bekend. „O mijne Vrouwequot;, zoo smeekte de kleine in vervoering, „ik hid U, heb de goedheid mij ie zeggen, wie gij zij/ en hoe nw naam i

ocr page 191

X-- - _____________________________

nkgentiknde dag. 165

is?quot;. De Vrouwe liet :lan den Rozenkrans op den rechterarm glijden, strekte hare armen naar beneden .lit, om vervolgens hare handen ten hemel te verheffen, als nam zij God tot getuige harer verklaring en antwoordde: „Ik ukn de Onbevlekte Ontvangenisquot;. Xa dit gezegd te hebben verdween zij.

Nog tweemaal mocht het bevoorrechte kind de Onbevlekte in hemelsche schoon-; heid aanschouwen: op den 2den Paaschdag, toen meer dan 10,000 personen van de i verrukking van het eenvoudige kind getuigen waren, en de laatste maal op t6 Juli, feest van Onze Lieve Vrouw van den berg Karmel. De Onbevlekte Ontvangenis strekte ' alsdan zegenend hare handen over Bernadette uit, boog het hoofd, als ten afscheid, en was verdwenen. Deze was de i8de en laatste verschijning.

Door het water der bron bleven intus-schen voortdurend wonderen geschieden. Menschen met allerlei ellenden, zieken van allerlei aard, wier genezing door de genees-heeren was opgegeven, dronken dit water, waschten zich in het bad, en werden plotseling volkomen genezen. Nog had de [ kerkelijke overheid over dit alles geene uitspraak gedaan; volgens hare gewone voorzichtigheid en wijsheid hield de geestelijkheid eene streng afwachtende houding. Eindelijk, na zes maanden vol wonderbare : voorvallen, besloot Z. D. H. Mgr. Laurence,

ocr page 192

166 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

bisschop van liet Diocees, een plechtig onderzoek naar de gebeurtenissen, die zouden hebben plaats gehad, te doen instellen. Eene commissie werd benoemd uit mannen, kundig in godgeleerdheid, geneeskunde, enz. Eerst het volgend jaar bracht deze, na rijp onderzoek, haar verslag uit. En nog verliepen drie jaren van overweging en gebed, alvorens de Bisschop zijn goedkeurend oordeel uitsprak en in zijn bekend schrijven verklaarde, „dat de Onbevlekte Maagd Maria, Moeder Gods, waarlijk verschenen is aan Bernadette Soubirous, den ii Februari 1S58 en volgende dagen tot 18 malen toe; clat de verschijning alle teekenen der waarheid bezit, en dat de geloo-vigen gerechtigd zijn, die voor waar te houden. Onze overtuiging is gegrond op de getuigenis van Bernadette, maar vooral : o]) de voorgevallen feiten, die slechts door goddelijke tusschenkomst kunnen verklaard worden.quot;.

Hoe is thans na ongeveer 40 jaren de toestand?

De Koningin des Hemels sprak tot de eenvoudige herderin: ivil hier ccnc

kapel gebouwd hebben, ik wil hier veel volk en processies zienquot;. Deze wil is vervuld. Ondanks de moeilijkheden van het terrein is een tempel verrezen op de rots boven de grot, een meesterstuk van stijl en uitvoering; — en ontelbare pelgrims zijn geestdriftig opwaarts getogen naar de heilige

ocr page 193

NEGENTIENDE DAG.

plaats, door Maria als haar geliefd genadeoord uitgekozen. Ondanks de tegenwerking der wereldsche overheid, trots den spot en hoon van lichtzinnige wereldlingen, nog aangehitst door de woede van Satan en den laster zijner trawanten, nam de grot j van Lourdes immer meer in beroemdheid : toe. De genezingen geschied zoowel dair als op andere plaatsen, waarheen het water ! der wonderbare bron gezonden wordt, zijn 1 zoo talrijk, dat hun aantal niet te benaderen ! is, — zoo treffend, dat de waarheid dier ; feiten voor eiken onbevooroordeelden on-: derzoeker niet te loochenen valt.

Ziehier ééne bekentenis, door dominee M. J. van der Hoogt in een artikel: ,,L)e Lourdes-Wonderenquot; in 1895 afgelegd. Op j de vraag —• „Gelooft gij aan de Lourdes-I Wonderen?quot; — luidt zijn antwoord: „Ze-I ker, geloof ik daaraan. Ik zal mij niet I vermeten tegen te spreken, wat door minstens driehonderd geneesheeren als feit is geconstateerd, nl. dat er tal van genezingen hebben plaats gehad, waarbij bepaaldelijk aan een wonder moet worden gedacht. . . . De feiten te loochenen gaat niet aan.quot;.

Kene rondborstige bekentenis, waarop steeds door de Katholieken met voldoening j kan worden gewezen.

! Bijzonder schoone nabootsingen der grot : van Lourdes vindt men op vele plaatsen j in België en Nederland, o. a. te Meerle en

167

ocr page 194

X «

168 meimaand der genade-oorden.

te Oostacker, te Meerlo-Tienray, te Oerle j

en te Katwijk a/d ]\[aas. —

__

Besluit. Knielen wij neder voor de ' beeltenis der Onbevlekte Ontvangenis, om | de zuiverheid van lichaam en ziel af te | smeeken.

Xquot;

X

ocr page 195

X.

Clmiitmstc T'.ht.

a^ronttjcbcn li an .in a na.

Zij is de troon (ions.

zouden met vrees bevangen worden — | 100 zegt een godvruchtig schrijver —

door de bliksems, de stemmen en de donders, welke de H. Johannes (Openb. iv. 5.) van den troon Gods zag uitgaan, ware het niet, dat wij in dezen troon een beeld zagen van de allerheiligste Maagd en dus

o o ~

ook in dat vuur en dien donder de liefde en de vreugde zagen, welke zij ons mededeelt. Geheel de oudheid heeft haar genoemd den troon Gods, maar van eene | verbazende hoogte, — een troon van vuur, | op welken de Heer der heerscharen gezeten is, — de koninklijke, heilige en glorievolle troon, — de troon der tronen, die als | rustplaats gediend heeft voor onzen Heer i Jezus Christus. — Al de koren der En- 1 gelen stonden als verstomd en eenigermate beschaamd, toen zij zagen hoe hun Koning den troon der Cherubijnen ging verlaten, om zich den schoot eener maagd tot rustplaats te kiezen.

De H. Thomas, de H. Dionysius, de H. Johannes en meer anderen zijn van ' oordeel, dat Maria waarlijk de troon Gods

X

ocr page 196

170 meimaand der gen'ade-oordf.x.

i is, door Hem in zijne almacht gemaakt, volgens zijne raadsbesluiten en zijne oneindige goedheid. Van af dien troon, die i ongetwijfeld Dengene waardig moest zijn, i Die er op zetelt, stroomen ons alle ge-; nadegunsten des Hemels toe.

quot;Xclicn brv D. .IDaaijb.

De terugkeer uit Egypte.

/p-'elijk het verblijf in het vaderland door-gaans aangenaam is, zoo is de ballingschap een oord van droefheid, en wanneer zij langen tijd duurt, zoo bitter als de dood. — De H. Familie ontving evenwel bijstand van Boven, om de droevige ballingschap met gelatenheid te verdragen en wist, dat God niemand boven zijne krachten beproeft. — „S/a op, en neon het Kind i „en zijne Moeder, en ga naar het land van „Israël, wan/ zij, die hei Kind naar hef „leren sionden,sijnges/orvenquot;.(^VmxV. ii. 19.) — De heilige pleegvader stond op, zegt het gt; Evangelie, nam het Kind en zijne Moeder en begaf zich met hen op weg. En, zooals de Hemel hem onderrichtte, ging hij met Maria en Jezus in Galilea wonen.

Hoe groot zal de vreugde dier heilige echtgenooten geweest zijn, toen zij het land van Kanattn, hun geboortegrond, terug za-' gen ! — Om een flauw begrip hiervan te hebben moet ons hart, evenals dat van Maria

ocr page 197

TWINTIGSTE DAG. 171

en Jozef, kloppen niet alleen van liefde tot | God, maar ook van vaderlandsliefde. — Wij stellen ons voor, hoe na zoo lange afwezigheid in hare vorige woonplaats teruggekeerd, de H. Familie door velen werd gelukgewenscht, — hoe zij bestormd werd door nieuwsgierige vragen omtrent hare heen- en terugreis en haar verblijf in het vreemde land, — hoe zij door hare naastbestaanden werd bezocht en een sober vreugdemaal werd aangelegd. Toch mochten Jozef en Maria — naar den mensch gesproken, — geene onvermengde vreugde genieten. — De woning welke het H. Huisgezin voor zeven jaren verlaten had, was nauwelijks bewoonbaar; door het vervallen dak lieten regen en wind zich deerlijk gevoelen; het lager gelegen vertrek was koud, vochtig en had een slecht aanzien ; in de geheimnisvolle en heilige plaats, waar het Woord was vleesch geworden, hadden de vogels zich genesteld, — het onkruid groeide weelderig in den kleinen tuin ; — in één woord, het huisje, dat toch reeds de sporen droeg van den knagenden tand des tijds, was nu eene ruïne gelijk geworden. Onnoodig te zeggen, dat spoedig de meest dringende herstellingen werden aangebracht en het oude gereedschap en de meubels, die geheel versleten waren, door nieuwe moesten worden vervangen. Wellicht heeft de H. Jozef toen het stukje land, dat hem bij erfenis

ocr page 198

172 .meimaand der genade-oorden.

toebehoorde, moeten verkoopen. Daar stond nu de H. Familie! Het eenige wat haar overbleef, was; het bouwvallige huisje van Nazareth, de werkwinkel van den H. Jozef en — hunne handen. Doch ook Jezus was er bij. Hoe jeugdig ook, nam Hij het gereedschap en volgde zijn heiligen pleegvader in de vlekken en dorpen van Galilea. Daar vonden zij werk, en de Zoon Gods voorzag door eigen handenarbeid in zijne dagelijksche behoefte. Welstand kon vooreerst het deel niet zijn van het werkzame huisgezin ; maar door menige ontbering, door van den morgen tot den avond te arbeiden, kon men zich toch het meest noodzakelijke aanschaffen. — Jezus, Maria en Jozef moesten dus naarstig werken, en Hij die over legioenen van Engelen kon bevelen, vroeg aan God voor zich en de zijnen nooit iets anders, dan zijn dagelijksch brood.

Bemerking. — Wat leerzaam voorbeeld wordt ons hier gegeven door het Goddelijk Kind, den Verlosser der wereld, en zijne Heilige Moeder! Laten wij ons dikwijls in den geest verplaatsen naar het huisje van Nazareth ; daar zullen wij kracht vinden om de lasten des levens met christelijker.! moed te dragen en getroost worden in at onze moeilijkheden.

ocr page 199

X. -X

TWINTIGSTE DAG. 1/3

Ou.if TC-irlie J3runUi ban ^dfjcrpniljcuücl.

I gGcherpenheuvel behoort gewis tot de i ^ drukstbezochte bedevaartplaatsen dezer streken; en terecht, want Maria toont zonneklaar door menigvuldige wonderen, hoe aangenaam haar de vereering is op die gezegende plek. Omtrent de herkomst van het wonderbeeld, dat aldaar vereerd wordt, zwijgt de geschiedenis. In eene oude kronijk echter wordt vermeldt, dat in 1304 groote bijeenkomsten plaats hadden bij een kruiswijs gewassen eikeboom, in de nabijheid van het stadje Sichem. Daarheen stroomde eene menigte volks, voorzien van „scherpe ende stafquot;, (van reiszak en pelgrimsstaf) als ter bedevaart samen. Sommigen zagen hierin eene bijgeloovigheid en beschouwden deze vereering als een overblijfsel uit het heidendom. Wat er van moge wezen, in lateren tijd — dit weet men met zekerheid, — was er aan een eikeboom op den Scherpenheuvel een beeldje der H. Maagd bevestigd, waarheen ontelbare bedevaartgangers hunne schreden richtten. Door wien, — wanneer. — om welke reden het geplaatst is, weten wij niet. In-tusschen mogen wij God duizendmaal danken, dat Hij ons eene zoo rijke bron van genadegunsten geopend heeft. —• Nliman {Historie, enz. Hoofdst. ix. bl. 28—30.) verhaalt ons hoe zeker schaapherder, terwijl

X

ocr page 200

174 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

hij zijne kudde liet grazen in den omtrek van den Scherpenheuvel, daar een beeldje vond van de H. Maagd Maria, en dit met zich naar huis wilde nemen. Maar op eens werd het beeldje zóó zwaar, dat hij het onmogelijk verder kon dragen, en tegelijkertijd stond hij zelf onbeweeglijk, als aan den grond vastgenageld. 1 )e eigenaar der schapen begreep niet, waarom de knecht, tegen zijne gewoonte in, zoo lang uitbleef en ging hem zelf zoeken. Spoedig herkende deze man het beeldje als dat, hetwelk men op den Scherpenheuvel aan den eik vereerde, „midts welcken die meestere 't selve „aenveerdende heeft dat sonder eenige swa-„richeyt oft moeyte opden voors(eiden) „boom wederomme gestelt, ende die Schaeps-„herdere, gelyck oft hij van eenige banden „ontlost hadde geweest, es met zyne schae-„pen naar huys gegaanquot;. In steeds wijder kring werd het wonderbeeld bekend en van heinde en ver kwamen pelgrims hier Maria's hulp afsmeeken, vooral om genezing van de koorts te erlangen. — Doch eensklaps, in 1580, was het beeld verdwenen, op wat wijze is onbekend; misschien was het door de plunderende geuzen vernield of gestolen. Hoe het zij — in 1587 plaatste een oude man. Schepen van Sichem, wederom aan den eik een beeldje, dat hem was overhandigd door zekere Agnes Fredericx te Diest. Deze Agnes legde zich vooral toe om voorwerpen van godsvrucht, die verloren waren

ocr page 201

% X

TWINTIGSTE BAG.

geraakt, weer op te sporen. Daarom ligt i het vermoeden voor de hand, dat dit het- ; zelfde beeld is, dat vroeger terzelfder plaatse \ vereerd werd; te meer nog dewijl ook de Hemel niet ophield zijne rijkste gunsten over Scherpenheuvel uit te storten. Reeds in 1606 verklaarde een grijsaard, dat, naar } hem bekend was, meer dan tweehonderd i personen te Scherpenheuvel genezen waren.

Dank zij de vrome pogingen van Sichems Pastoor, den eerbiedwaardigen Godfried van Thiemvinckel, werd in 1602 naast den ouden eik een planken kapelletje opgeslagen, | waarin het wonderbeeld op een altaar ge- | plaatst werd. Op 3 Januari 1603 had een wonder plaats, dat wel verdiende opgetee kend te worden. Er parelden namelijk bloeddruppels op de lippen van het beeld; en nauwelijks had een van de aanwezigen ze afgewischt of telkens kwamen ze wederom opnieuw te voorschijn. Nooit was het beeld geverfd geweest, en natuurlijk vocht kon evenmin de oorzaak van dit wonderbaar verschijnsel wezen.

175

Om aan de steeds in grooter aantal toesnellende geloovigen een eenigszins voldoend bedehuis te verschaffen, werd eene nieuwe kapel gebouwd, die den i2den Juni 1604 door den Aartsbisschop van Mechelen werd ingewijd. Drie maanden later echter werd het heiligdom door de geuzen bestormd; het beeld der H. Maagd werd evenwel in veiligheid gebracht door den

)C

ocr page 202

176 meimaand der genade-oorden.

I ...................................................................................................

I Provinciaal der Paters Jesuïten, terwijl de

1 beroemde Cornelius a Lapide met het Aller-

■ heiligste Sacrament in de bosschen vluchtte, j Wellicht had bij dezen inval het wonder i plaats, dat ons door Pater G. van Monte-

naken [ Jlisforic, enz.) wordt verhaald. Zekere I Antoon Laenen, een Hollandsch soldaat, I bereed een blind paard. Toen hij aan de kapel van Onze Lieve Vrouw kwam om 1 haar met zijne bende te plunderen, daagde I hij Maria spottend uit om zijn paard ziende te maken. Hij werd onmiddellijk verhoord; maar zóó, dat zijn paard het gezicht terug kreeg, en hij zelf met blindheid werd geslagen. Later kwam de vermetele spotter ; tot inkeer en heeft zelf dit wonder in het i openbaar bekend gemaakt.

Besluit. Knielen wij eenige oogenblik-ken voor het miraculeuze beeld neder om

■ aan Onze Lieve Vrouw van Scherpenheuvel de groote deugd van voorzichtigheid te vragen.

gt;r

ocr page 203

€cn cn üinntiijötc T\nj.

g?roatljrbni ban jEana.

'Wij moeten haar beminnen, eeren

en dienen.

mü.tn zou een geheel boekdeel kunnen schrijven over deze drie plichten, welke wij jegens Maria te vervullen hebben. — Bepalen wij ons met te zeggen, dat wij haar moeten liefhebben, dewijl zij het volmaakte schepsel is, door God aan de wereld geschonken om door middel van het verlossingswerk den mensch redding te brengen. Hare schoonheid, hare genaden, de weerglans der Godheid, welken wij in haar zien, overtreffen verre het heldere licht der zon. Haar rustig gemoed, haar edel en kalm hart is vrij van die ongeregelde neigingen, welke zoo menigmaal 's menschen ziel bestormen. Hare verhevene en verlichte ziel is de zetelplaats van alle deugden. In de orde der natuur is Maria gesproten uit het koninklijk geslacht van David; en in welke innige betrekking staat zij, in de orde der genade, met de drie Goddelijke Personen der Allerheiligste Drievuldigheid !

Onder de grootste mannen, die door hunne wetenschap en deugd de wereld

Meimaand Genade-Oorden. 12.

x~

ocr page 204

178 meimaand der genade-oorden.

hebben verbaasd, vinden wij er, die het betreuren, dat zij maar ééne ziel bezitten om Maria te beminnen. Maria heeft ook recht op onzen eerbied. Wij moeten onze hulde brengen aan de Dochter van God den Vader, de Moeder van God den Zoon en de Bruid van den H. Geest, ■— aan het wonder der natuur en der genade, — aan haar die alléén onbevlekt, geheel schoon en boven allen behaaglijk is in de oogen van Hem, die haar volgens zijn hartewensch geschapen heeft.

Wij zijn verplicht Maria te dienen; dit vorderen hare groote verdiensten, dit zegt ons de natuurlijke rede, dit leeren wij uit het voorbeeld van Jezus Christus zelf. En hoe zouden wij weigeren haar te dienen, wanneer wij zien, dat de Engelen in den Hemel met zoo eerbiedige vaardigheid hare bevelen volbrengen! Alle ware dienaars van God zijn ook dienaars van Maria.

%elini bee X?. jlsjaaoti.

Jezus in het midden der leeraren. ' iwendig leven der H. Familie is

menschen onbekend ; het is gelijk

een waterstroom, die zich in eene dicht begroeide wildernis verliest, — gelijk net Heilige der heiligen met zijn welriekend en geur quot;en zijn dubbel voorhangsel. Maar

%

ocr page 205

X____ ■«

EEN EN TWINTIGSTE DAG. 179

uit het openbaar leven van Jezus kunnen wij eenigszins opmaken, hoedanig zijn verborgen leven geweest is. Wij begrijpen, dat de Zaligmaker in zijne jeugd niet door andere menschen behoefde onderwezen te worden; immers als Godmensch was Hij de oneindige en ongeschapen Wijsheid. Door den dag, zoowel als bij nacht, was Jezus' ziel in het inwendig gebed verdiept en noch uiterlijke bezigheden, van welken aard ook, noch zelfs de verkwikkende slaap, — waaraan Hij slechts weinige uren schonk, — vermochten Hem te storen of zijn geest af te trekken van zijnen Hemel-schen Vader en het doel zijner mensch-wording.

Ue volgende gebeurtenis, die in het begin van Jezus' jongelingsjaren plaats greep,

laat ons een blik werpen in het godsdienstig leven der H. Familie, en geeft ons tevens een droevig tafereel uit het leven van Maria.

Jozef en Maria onderhielden in alles met de meeste nauwgezetheid en met de innigste liefde de voorschriften van hun heiligen godsdienst. Daarom gingen zij telken jare met het Paaschfeest naar Jeruzalem om den tempel te bezoeken. Moesten zij vroeger, toen de zoon van den kinder-moorder Herodes regeerde, heimelijk en in het verborgen deze pelgrimsreize maken, nu Archelatis verbannen was en het land onder het onmiddellijk bestuur der Romeinen

ocr page 206

180 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

stond, was zij veel gemakkelijker geworden. Ofschoon Jezus eerst het volgende jaar tot deze reis verplicht was, namen toch zijne ouders Hem nu reeds mede naar Jeruzalem.

Eene groote menigte verliet Nazareth en trok onder het zingen van psalmen naar Jeruzalem op; in verschillende groepen, volgens ouderdom en geslacht verdeeld, legde men den weg af; de mannen waren gescheiden van de vrouwen, de jongelingen van de maagden. Bij Maria zien wij: Maria, Cleophas' vrouw en schoonzuster van Jozef; eene „andere Mariaquot; ; Salome, vrouw van Zebedeus; Joanna, de vrouw van Chusa en vele andere vrouwen van hare maagschap en kennissen. — Jezus bevond zich te midden zijner stadgenooten, die tevens zijne naaste bloedverwanten waren en daarom volgens het gebruik der Hebreeuwsche taal zijne broeders genoemd worden. — De Heilige Jozef zal gevolgd zijn met de schare der ouderlingen uit zijnen stam, ter-i wijl hij nu en dan met den visscher Zebe-deüs een godsdienstig gesprek aanknoopte.

De pelgrimsreis spoedde ten einde; de j huisgezinnen kwamen bij elkander om het paaschlam te eten en na afloop van het feest verliet men weder de heilige stad in dezelfde orde, als men gekomen was. Op het einde der reize van den eersten dag zochten de leden van hetzelfde huisgezin elkander op; Maria en Jozef zochten ook

%

ocr page 207

.X

EEN EN TWINTIGSTE DAG. l8l

hun geliefden Zoon, doch te vergeefs, Hij was niet te yinden. Wat droefheid, wat kommer en angst, welke pijnlijke onzekerheid! Terugkeeren naar Jeruzalem was het eenige, wat zij doen konden. Zij zochten Hem gedurende den nacht, gedurende den dag daarop volgende, en ondervraagden angstig de reizigers, die zij ontmoetten of zij niet eenige inlichting omtrent hun Zoon konden geven; — maar te vergeefs. Op den tweeden dag kwamen zij te Jeruzalem terug. Wat was natuurlijker, dan dat zij het eerst gingen naar den tempel, waar zij Hem met zulk een heilig vuur zijnen he-melschen Vader hadden zien aanbidden.

Aan het voorhof der heidenen grensde de groote Synagogeschool, Beth Misdrach genaamd; hier hielden de voornaamste leeraars van Israel vooral in de feesttijden hunne voordrachten, en bevonden zich ook gewoonlijk verscheidene leerlingen, die eerbiedig bleven staan of zich aan de voeten der leeraren neerzetten om hunne leer te hooren. De leerlingen werden ondervraagd en mochten op hunne beurt vragen stellen; ja, somtijds zelfs geheele voordrachten houden. Maria en Jozef zochten Jezus overal; zou Hij misschien hier onder de leerlingen kunnen zijn? — Werkelijk, daar zat Jezus; en de leeraars hadden zich rondom Hem geschaard; want allen, die Hem hoorden waren buiten zich zeiven over zijne wijsheid en zijne antwoorden. Een straaltje

ocr page 208

^c

182 meimaand der genade-oorden.

zijner heerlijkheid brak reeds door de nevelen zijner kindsheid. Zoodra de jeugdige moeder haren beminden Jezus zag, trad zij tot Hem nader en sprak: „Zoon, waarom hebt gij ons zoo gedaan ? Zie, uw vader en ik hebben u met smart gezoek/quot;. Wat teedere liefde, wat zachtzinnigheid, wat nederigheid straalt uit dit woord van Maria! Jezus' antwoord was eene opheldering en eene geruststelling voor zijne ontstelde ouders; Hij sprak: „Waarom zoek/ gij mijl Wist gij dan niet dat ik moest zijn, in hetgeen Mijns Vaders is?quot; Nu vertrokken Maria en Jozef en Jezus met hen; en zij woonden te Nazareth.

„Maria bewaarde al deze 'woorden in haar hart, en Jezus nam toe in jaren en behaaglijkheid bij God en bij de menschenquot;.

Bemerking. — Niet zelden is men ontroerd, ontsteld, beangstigd, terwijl slechts eene akte van liefde en vertrouwen noodig is om de zoetste kalmte in onze ziel te doen wederkeeren. Zijn wij uit ons zeiven zwak, wij kunnen alles in God, die ons versterkt. Jezus was bij zijne geboorte reeds het licht der wereld; in den tempel geeft Hij doorslaande bewijzen van zijne kennis en hooge wijsheid. Vragen wij door de voorspraak zijner Heilige Moeder een oprecht gemoed, — een helder oordeel, vooral in geestelijke zaken, en boven alles een levendig geloof.

X

gt;c

■

ocr page 209

gt;c

■X

EEN EN TWINTIGSTE DAG. 183

«Onöc %iclic Prouhi tuin ^cljrryrnijrulirl.

(Vervolg?)

02ij de geschiedenis van O. L. V. van tl]i Scherpenheuvel is het een plicht, dankbaar melding te maken van de godvruchtige Aartshertogen Albertus en Isabella, die zich een onsterfelijken naam verworven hebben door hun onverpoosden ijver om de godsvrucht tot O. L. V. van Scherpenheuvel te bevorderen.

De eerste steenen kc.pel werd reeds door hun toedoen gebouwd; en toen deze spoedig veel te klein was, werd op last der Aartshertogen de nieuwe kerk opgetrokken, naar welke wij nu nog met bewondering opzien. Door Albertus werd op 2 Juli 1609 de eerste steen gelegd van den nieuwen tempel. Albertus, die zich gelukkig zou achten zijn geest te mogen geven in tegenwoordigheid van het beeld der H. Maagd, zag zijn geliefkoosd heiligdom niet voltooid. Zes jaren na zijn dood, in 1627, was de nieuwe kerk zoover, dat zij ingewijd kon worden. Isabella woonde zelve, omringd van geheel haar hofstoet, de kerkwijding bij. Drie honderd duizend gulden, eene vooral voor die dagen belangrijke som, had het bouwen der kerk gekost. Men moet zelf't majestueuze heiligdom bezocht hebben om zich een juist denkbeeld van dien prachtigen Maria-tempel

K X'

X

■

ocr page 210

.X

X.

184 JIKIMAAND DER GENADE-OORDEN.

te vormen. De kerk, in Corinthischen stijl, geheel rond, is uit witten arduinsteen opgetrokken. Een koepel van indrukwek-kenden omvang, met lood gedekt, en waarop vergulde sterren schitteren, vormt het dak, terwijl een klein koepeltje het geheel bekroont. Verschillende kapellen bevinden zich rondom het hoofdgebouw en ondersteunen den koepel. De toren, nog onvoltooid, staat voor het priesterkoor. Een ruim portaal, dat toegang tot de kerk geeft, draagt op zijne spits een groot beeld der H. Maagd, waaronder men leest: „JScaiam mc diccni 0nines generaiionesquot;, d. i., „Zalig zullen mij alle geslachten noemenquot;. — Ons bestek laat niet toe het inwendige van dien heerlijken tempel te beschrijven. Genoeg zij het nog met een enkel woord te wijzen op het sierlijk hoogaltaar, dat bij het binnentreden der kerk aanstonds onze aandacht trekt. Opgericht op de plaats zelve, waar volgens de overlevering de oude eik gestaan heeft, maakt het een ontzaglijken indruk, deels om het kostbaar marmer waaruit het vervaardigd is, deels om zijne verbazende hoogte. Op het hoogste punt des altaars spreidt een fraaie eik zijne gebeeldhouwde bladeren en eikels uit. Het zilveren tabernakel, meer kostbaar dan sierlijk, heeft een gewicht van honderd zeven en twintig pond en is twaalf voet hoog; daaraan werd zeven jaren gewerkt; de kaar-senbanken aan beide zijden, de kandelaars

X

X

ocr page 211

X-

EEN EN TWINTIGSTE BAG. 185

en de bloempotten met druiventrossen en korenaren zijn van hetzelfde metaal vervaardigd. Boven het tabernakel rust tegenwoordig, op een troontje van massief goud, het beeld van Maria met haar goddelijk Kind op den linkerarm. Het beeld is bijna 50 centimeter hoog. ,,De tijd heeft „het een weinig zwart gemaakt, maar de „uitdrukking der trekken is zacht gebleven „en aanvallig. Maria's naam staat in dia-„manten letteren op een zilveren voetstuk. „De kronen der beelden fonkelen van kost-„bare gesteenten, en prachtige juweelen „versieren hunne gouden kleederen. Een „groot zilveren kruisbeeld, omgeven van „twee biddende Serafijnen, voltooit de „versiering van het tabernakelquot;. (Dr. A. van Weddingen, Notre-Dame de Montaigu.)

Wat verder de geschiedenis van de ver-eering van Onze Lieve Vrouw te Schei-penheuvel betreft, zij het genoeg te vermelden, dat na de stormen op het einde der vorige eeuw, hier een nieuw tijdperk van luister en bloei voor de vereering van O. L. Vrouw is aangebroken. Wilt gij weten, welke vlucht deze bedevaart in onze dagen genomen heeft ? — Jaarlijks wordt Scherpenheuvel bezocht door een 220-tal goed geregelde processies; deze komen onder geleide hunner geestelijkheid dit heiligdom bezoeken en daar eene plechtige H. Mis en het Lof bijwonen. Daarenboven komen nog even zoovele processies op

quot;X

ocr page 212

X.

186 meimaand der genade-oorden.

minder plechtige wijze ter bedevaart. Het getal pelgrims bedraagt jaarlijks een half millioen. Op de eerste dagen der week in de Meimaand, in de week vóór en na Pinksteren, maar vooral op Zondag na Allerheiligen, als de groote „kccrskens-processicquot; gehouden wordt is het getal pelgrims overgroot.

Het beeld van O. L. V. van Scherpen-heuvel werd den 25st,:n Augustus 1S72 door Mgr. Dechamps, Aartsbisschop van Mechelen, plechtig gekroond. De kronen zijn van massief goud ; die van het Kindje Jezus schittert met 400 parelen, terwijl die van Maria,met niet minder dan 600 praalt.

Moge de zegen van O. L. V. van Scher-penheuvel rusten op geheel de christenheid, vooral op de geloovigen van Noord- en Zuid-Nederland — op ons en de onzen, zoodat ook wij ondervinden, dat Maria de „Machtige Maagdquot; is, door wier voorspraak honderden genezing vonden voor hunne ziels- en lichaamskwalen. (!)

Besluit. Bidden wij, in den geest voor dit genadebeeld nederknielende, om de deugd van rechtvaardigheid en oprechtheid.

{x) Van 1602—1680 vinden wij 262 buitengewone feiten, die door Maria's tusschenkomst te Scher-penheuvel plaats grepen, opgeteekend.

K

X

ocr page 213

X

(Oucc cn tluintiijötc ^Daij.

q?raotljchcn ban .UIaria.

Hare waakzame zorg voor hark

getrouwe dienaren.

'pij, die met woord en daad getrouwe die-^ naren van Maria zijn, mogen verwachten op bijzondere wijze door haar bevoorrecht te worden. Zonder onbescheiden te zijn, beroemde de H. Dominicus zich er op, dat hij nooit iets van de Moeder der Barmhartigheid gevraagd had, of hij had het verkregen. Pater Cesar Baronius, de naderhand zoo geleerde Kardinaal, lag eens gevaarlijk ziek. De H. Philippus Nerius, die vreesde zulk verdienstelijk lid voor zijne pas ontluikende Congregatie der Oratorianen te verliezen, vroeg aan God met heilig vertrouwen de genezing van Pater Baronius. Zijn gebed scheen evenwel niet verhoord te zullen worden; want in de ziekte kwam niet de geringste wending ten goede. Nu nam Philippus zijne toevlucht tot de H. Maagd, en zie, de kranke herstelde spoedig. Doch waar zouden wij eindigen, indien wij alle dergelijke feiten wilden verhalen?

De H. Epiphanius wil ons een beeld schetsen van de moederlijke waakzaam- ! heid, welke Maria ten opzichte van hare 1

f K

quot;K

ocr page 214

-,x

gt;c

lS8 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

X

getrouwe dienaren aan den dag legt. Hij vergelijkt Maria's zorgvolle waakzaamheid met de geheimzinnige dieren, — welke de profeet Ezechiël (X. 12.) en de H. Johannes (Openb. IV. 6.) zagen,—die van alle zijden met oogen waren overdekt. Deze groote menigte oogen beteekenen Maria's waakzame zorg voor hare getrouwe kinderen en den voortdurenden ijver, dien zij aanwendt om aan God hunne behoeften bloot te leggen. De H. Bernardus vergelijkt Maria bij de sterke vrouw, zooals weleer de wijze Salomon ons deze geschilderd heeft; vooral past hij op Maria toe de waakzaamheid dier vrouw en de altijd brandende lamp, welke zij met groote zorg onderhoudt, dat wil zeggen: Maria heeft altijd hare moederlijke oogen op hare dienaren gevestigd; zij verlicht hen op den weg der zaligheid en bewaart hen steeds veilig in hare tegenwoordigheid. Maria is het voorwerp der liefde, hoogachting en toegenegenheid van alle schepselen. Zij wordt door de Heiligen in den Hemel met eerbied omringd; tot haar verheffen de stervelingen hunne smee-kende stem: op hare bemiddeling hopen de zielen in het vagevuur; tot haar namen onze voorouders hunne toevlucht; onder hare moederlijke schutse zullen onze kinderen en kindskinderen veilig zijn in alle gevaren.

gt;c

ocr page 215

twee en twintigste dag. 189

Ëfn tier If, ,U5aagb.

Dood van den H. Jozef.

CTpezus had den ouderdom van negentien (Ét jaren bereikt. De H. Jozef, die van den H. Geest zelf den eerenaam van „de rechtvaardigequot; ontving, had zijne zending om Maria en haar goddelijk Kind te geleiden en te beschermen, volbracht. De H. Schriftuur laat ons duidelijk zien, dat deze rechtvaardige man door Gods voorzienigheid alléén voor deze heilige taak op aarde was gezonden; nu Jezus zijne zorg niet meer noodig had, was voor hem de tijd aangebroken om de eeuwige rust te gaan genieten en in het voorgeborchte de blijde tijding der nabijzijnde verlossing te gaan aankondigen, om daarna de eeuwige belooning des Hemels voor zijne trouwe zorgen te ontvangen. De Engel des doods daalde dan neder in de woning der Heilige Familie.

Wij zullen alle deugden, waardoor de H. Jozef heeft uitgemunt, niet vermelden, maar alleen de aandacht vestigen op zijn levendig geloof, zijn onbezweken vertrouwen op God en zijne nederige eenvoudigheid. Wat een zoete dood moet het geweest zijn voor Jozef, dewijl hij zijn brekend oog mocht sluiten en den geest geven in de armen van Jezus en Maria! Wat een zoete dood, die aan deze vleklooze ziel de

quot;X

ocr page 216

X

190 meimaand der genade-oorden.

gelukzalige eeuwigheid schonk! — Duizenden wereldlingen worden met grooter praalvertoon en droever rouwgeklaag grafwaarts gedragen, terwijl men den lof en roem hunner daden wil vereeuwigen door woord en schrift en hunne namen beitelt in het koude marmer; maar geen enkele kan met zooveel vertrouwen zijn hoofd buigen voor de wet des doods, geen enkele neemt zoo stellige hoop op een eeuwig geluk mede in het graf, als de nederige timmerman van Nazareth. — De begrafenis van den H. Jozef had met den meesten eenvoud plaats. Jezus en Maria betreurden hun beschermer volgens de voorschriften der wet. Nooit werd een keizerlijke lijkstoet door zoo hooggeplaatste personen vergezeld als de lijkstoet van Jozef.

Bemerking. — De H. Jozef is door God aan de menschen als een voorbeeld ter navolging gegeven. Geheel zijn leven was eene voortdurende toewijding aan God, al zijne handelingen verrichtte hij overeenkomstig Gods heiligen wil. Wanneer wij hem daarin navolgen, dan mogen wij vertrouwen, dat in het laatste uur des levens ons de bijstand van Jezus en Maria niet zal ontbreken.

X

ocr page 217

twee en twintigste dag. iqi

O^n.ic Xiclie ©rouln ban /iDaaotncljt.

„De Ster der Zeequot; (1)

J^mtrent de herkomst van het vermaarde beeld van Onze Lieve Vrouw, dat onder den titel van „De Ster der Zeequot; in de Lieve-Vrouwe-kerk te Maastricht vereerd wordt, is men het niet eens. Sommigen meenen, dat het beeld eerst omstreeks 1480 aan de kerk der Paters Minderbroeders is gegeven; anderen nemen aan, dat het een geschenk is van het gilde der looiers, die zich door eene bijzondere godsvrucht tot de H. Maagd onderscheidden. — Wederom anderen wijzen op eene kapel van Onze Lieve Vrouw aan den Oever, waarin reeds de H. Hubertus dikwijls kwam bidden en waarin het beeld van Onze Lieve Vrouw „Ster der Zeequot; vereerd werd.— Dewijl de kapel allengs te klein was voor de talrijke bezoekers en om tevens eene gunst te bewijzen aan de Paters Minderbroeders schonk het Kapittel der Onze Lieve-Vrouwe-kerk (in 1234) het zoo eerbiedwaardige beeld aan de voormelde Paters, die het eene eervolle plaats gaven in hunne nieuwe kerk. Deze is voor eenige jaren dooiden wijdberoemden architect Cuijpers in haren vroegeren luister hersteld. Aan de rechterzijde van het koor heeft men de kapel

X

1

Naar „Maria's Heiligdommenquot;.

ocr page 218

192 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

van Onze Lieve Vrouw. Wie de talrijke lotgevallen van het beeld van Onze Lieve Vrouw „Ster der Zeequot; nauwkeurig wil kennen en daarbij eenige belangwekkende tafe-reelen uit de geschiedenis der stad Maastricht wil genieten, hij leze de bron, naar welke wij deze schets vervaardigd hebben. Hier moge het voldoende zijn te vermelden, dat het beeld van Onze Lieve Vrouw ,,Ster der Zeequot; in 1578 bij de inname van Maastricht door de Calvinisten, in veiligheid werd gebracht op een zolder bij de Maagden op den Kieuwenhof. Daar werd het ondekt door een soldaat, die onmiddellijk zijn degen trok om het beeld aan stukken te slaan. Doch terstond werd zijn arm stijf en beweegloos. Hevig ontsteld liep de soldaat naar beneden en verhaalde het voorval aan zijn kapitein. Deze schold hem een bloodaard, die schrik had van een afgodsbeeld en snelde nu zelf naar boven om met zijn zwaard liet beeld te vernielen. Maar hem trof dezelfde straf als den soldaat. In woede ontstoken liep hij naar de Overste van het klooster, overlaadde haar met scheldwoorden en bedreigingen en noemde haar eene tooveraarster, die hem en den soldaat een oogenblik 'oe-tooverd had. — Zoo strafte God hen, die zijne Heilige Moeder wilden onteeren.

Na het beleg van Maastricht door Alexander de Farnese, hertog van Panna, werd het beeld wederom geplaatst in de kapel

ocr page 219

____M

TWEE EN' TWINTIGSTE IJAG. 193

dt;r Paters Minderbroeders in de St. Pieterstraat. In 1639 (Frederik Hendrik was meester van de stad) vond het beeld eene schuilplaats te Tongeren, waar het bleef tot 1675 en waar God het grootste wonder deed, dat uit de geschiedenis van Onze Lieve Vrouw „Ster der Zeequot; bekend is. Te Bisschopswilré leefden twee godvruchtige echtelieden, Jacob Lehault en Isabella Radoux. Langen tijd hadden zij God gevraagd, dat Hij hun huwelijk zou gelieven te zegenen. Hun gebed werd verhoord, en op 18 April 1649 zou er vreugde in hun huis geweest zijn, indien niet het zoo lang verwachte kindje levenloos ter wereld ware gekomen. De priester, die in allerijl ontboden was, kon alleen het woord der vroedvrouw bevestigen. De bedoelde moeder echter, die een geloof bezat in staat om bergen te verzetten, en gedachtig de opwekking van Jezus' vriend Lazarus, waagde het ook aan den Alraach-tigen God de herleving van haar kind te ! vragen door de tusschenkomst van Maria. Dan zou het ten minste het H. Doopsel kunnen ontvangen. — Zij liet het lijkje plaatsen in de kerk der Paters Minderbroeders te Tongeren, vlak voor bet altaar van Onze Lieve Vrouw. Zes dagen en zes nachten bleef het daar, zoodat het allengs tot ontbinding begon over te gaan. Spoedig zou men het lijkje uit de kerk moeten verwijderen. Lenige vrienden wisten evenwel den Pater Vicarius Somers te

Xquot; Meimaand Genade-Oorden. 13

ocr page 220

X

194 meimaand der genade-oorden.

bewegen om op 25 April zich nogmaals met het gebed der ouders te vereenigen en tot hunne intentie de H. Mis op te dragen. Na de H. Mis ging de Vicarius zijne dankzegging verrichten voor het beeld van Onze Lieve Vrouw „S/er der Zeequot; en begaf zich vervolgens naar zijn biechtstoel. Ongeveer een half uur daarna hoort hij in de kerk roepen: „het kind leeft, het kind leeft!quot; Een ander Pater las op het oogenblik de H. Mis aan het altaar der H. Maagd. Meer dan vijf minuten moest hij wegens het gedrang en het gedruisch der menigte het H. Offer onderbreken. Het kind was inderdaad weer levend geworden, en in plaats van de akelige doodskleur, teekende een frisch rozerood de wangen, het ademde, het bewoog zichtbaar de lippen. Duizenden snelden toe en verdrongen zich om het wonder te aanschouwen; en in tegenwoordigheid dier groote menigte diende Pater Somers aan het kind het H. Doopsel toe. Alle pogingen werden aangewend om dat wonderbaar herkregen leven te behouden, maar tevergeefs. Omstreeks vijf uur des namiddags begon de doodskleur weder terug te keeren op het gelaat, en weldra was het kind voor goed een lijkje.

Besluit. Knielen wij neder voor On^e Lieve Vrouw „Ster der Zeequot; en vragen wij de deugd van zachtmoedigheid.

gt;c

ocr page 221

5C

IDric cn tlnintigatc IDaij.

a?raatf(cbcu ban jBavia.

Hare zorg in weinig beduidende zaken. ffQoor Maria's voorspraak geschieden groote wonderen, maar zij acht het ook niet beneden zich om in kleine zaken aan hare getrouwe dienaars hulo te verleenen.

Pater Lodewijk van Grenada vermeldt een geval, dat plaats had met de vrouw van een Portugeeschen edelman, die driftig en opvliegend van karakter was. — De edelman, een liefhebber van de visscherij, vroeg eens naar zijn hengel. Een knecht haalde dien, maar terwijl hij hem onderweg wilde reinigen, brak hij hem. Niet wetende wat aan te vangen en bevreesd voor haar man, nam de edele vrouw hare toevlucht tot de H. Maagd, en ziet, op het oogenblik voegden de stukken zich samen, zoodat alléén nog aan een klein wit kringetje zichtbaar bleef, waar hij gebroken was geweest. Onnoodig te zeggen, dat de vrouw met hare kinderen, die getuigen waren geweest der zonderlinge gebeurtenis, hare verbazing niet kon verbergen. De man kwam daardoor ook spoedig het feit te weten. Uit godvruchtigen eerbied wilde hij den hengel niet meer gebruiken en gaf dien aan Pater Lodewijk van Grenada.

.X

%

gt;c

ocr page 222

- ^

196 meimaand der genade-oorden.

In het leven van den H. Philippus Ne-rius wordt ons verhaald, dat deze Heilige in het jaar 1576 op zekeren nacht zag, hoe de Heilige Moeder Gods met hare handen het waggelende dak ondersteunde der kapel van de Paters Oratorianen te Rome. Des anderen daags kwam men tot de ontdekking, dat een zware balk, waarop het dak grootendeels steunde, van den muur was afgeschoven en er aldus het grootste gevaar was, dat het geheele dak zou instorten. Om alle ongelukken te voorkomen werd het dak aanstonds gesloopt.

IGcUrn her ï). jllaagb.

Maria op uk bruiloft van Kana en

hij de prediking van JEZUS.

GM'et oogenblik is gekomen, waarop het öi|l verborgen leven van den Zoon Gods een einde neemt en zijn openbaar leven gaat beginnen.

Jezus verlaat Nazareth en begeeft zich naar de oevers van den Jordaan om door Johannes gedoopt te worden. Niet zonder bange vrees ziet Maria haren Zoon heengaan. Wie weet, wat Hij zal te lijden hebben, nu Hij de geveinsdheid der Phariseën ontmaskeren en den haat en de hardnekkigheid der Joden gaat berispen. Daarna verblijft Jezus veertig dagen in de woestijn,— veertig dagen, die Maria even zoovele

ocr page 223

----------------------- . _ --------------^

DRIE EN TWINTIGSTE DAG. 197

eeuwen toeschijnen. Na deze voorbereiding begint Jezus' openbaar leven met de bruiloft van Kana.

Hoogstwaarschijnlijk waren bruid of bruidegom met de allerheiligste Maagd en haar goddelijken Zoon vermaagschapt; daarom werden zij en ook Jezus' leerlingen ter bruiloft genoodigd. iJeze hartelijke uitnoo-diging wordt door allen aangenomen. Men schijnt niet op zoo groote deelneming voorbereid te zijn geweest; want spoedig bleek de voorraad wijn onvoldoende. De liefderijke oplettendheid van Jezus' heilige Moeder bemerkte aanstonds dit gebrek. Haar liefdevol hart had medelijden met de verlegenheid, waarin het bruidspaar verkeerde, en zocht hulp te verschaffen.

Zij kende Jezus' goddelijke almacht; zij wist, hoe Hij geheel en al liefde was; en daarom wendde zij zich met vertrouwen tot Hem, zeggende; „Zij hebben geen wijnquot;. Wat deelnemende liefde schittert in die bede; hoe toont Maria reeds nu de medelijdende Voorspraak te zijn van zoovele ongelukkigenl — Op haar minzaam verzoek antwoordde J ezus: „ Vrouw, wa/ is er fus-sehen U ca Mijl Nog is mijn uur niet gekomenquot;-, — d. i.: Vrouw, —dit was een woord van eerbied en achting bij de Israëlieten •— laat dit aan Mij over; het uur, Mij door mijnen Vader gesteld om wonderen te doen, is nog niet gekomen. Maria wist, dat dit woord geene weigering insloot

jjh -jj

ocr page 224

f

aC

198 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

en begreep er uit, dat door hare tusschen-komst, Jezus almacht zich spoediger zou openbaren. Zij liet daarom alles aan Jezus over en met een geloovig vertrouwen, dat alles van Ood kan verkrijgen, zeide zij tot de dienaren: „dof / al hetgeen Hij 11 zeggen zalquot;. Er stonden buiten de bruiloftszaal zes groote kruiken, welke dienden om het water te bevatten, dat voor de Joodsche reinigingen bij den maaltijd noodig was. Deze kruiken werden op last van Jezus gevuld met water uit eene naburige heldere bron; en toen de dienaren dit gedaan hadden, gaf Jezus, door wiens Almacht het water op hetzelfde oogenblik in wijn veranderd was, het tweede bevel; „Schep/ nu en brengt hei den hofmeesterquot;. Deze — onkundig van het wonder — proefde, en gaf zijne verbazing te kennen over den keu-rigen wijn die nu eerst werd aangeboden. „Een ieder, zeide hij tot den bruidegom, zet eerst den goeden wijn voor, en, als zij genoeg hebben gedronken, dan den mindere, maar gij hebt den goede tot nn bewaardquot;. — Zoo verhaastte Jezus op Maria's verlangen het uur zijner wonderen.

In het vervolg van Jezus' leven zien wij Maria tegenwoordig bij zijne goddelijke prediking. Dertig jaren lang had zij Hem met innige moederliefde hare diensten bewezen, zoowel in den vreemde als in het vaderland; zij had voor Hem gewerkt, om Hem geweend, met Hem geleden; zij had Hem het eerst

%

ocr page 225

DRIE EN TWINTIGSTE DAG. 199

aanbeden en als een zwak en teeder kind in de kribbe gelegd; nu was het oogenblik gekomen, waarop zij haar godsdienstig gemoed zou kunnen versterken door Jezus' goddelijk woord, om zich voor te bereiden tot de gebeurtenissen, die Simeons voorspelling in algeheele vervulling zouden doen gaan. Maria zou immers als Moeder van Jezus deelen in zijne vermoeienissen en smarten, — moeten getuige zijn van de verguizingen der Phariseën en de ondankbaarheid der Joden; eu meer dan iemand zou haar hart het grievende daarvan gevoelen. Doch Maria toonde te midden dezer wederwaardigheden, dat zij niet alleen was eene zachte duif, die zich in de rotsspleten verbergt, — eene zuivere maagd, wier roeping het was een hemelsch kind te voeden en te koesteren ; maar ook de sterke vrouw, door God geplaatst in verschillende moeilijkheden des levens, opdat alle dochters van Eva in Haar een toonbeeld zouden hebben van berusting in Gods heiligen wil.

In het gezelschap van Maria bevonden zich de heilige vrouwen, die zich bij het gevolg van den Zaligmaker hadden aangesloten om bij zijne prediking tegenwoordig te zijn.

Bemerking. — Maria verkreeg van haren goddelijken Zoon, dat Hij zijn openbaar optreden verhaastte en het water in wijn

ocr page 226

200 ilELMAANI) DER GE\ADE-OORDEN.

veranderde. •— Dit moge ons opwekken om van Maria met het volste vertrouwen te vragen, ons leven te beteren, zoodat onze gebreken plaats maken voor deugden, en wij de waarachtige en eeuwige goederen kiezen boven de vergankelijke dezer aarde.

On,sc %iclic Pvoiilu lun .inaaotncljr.

De „Ster der Zeequot;.

( Vervolg.)

fTvlTa dertig jaren werd, tengevolge van den ^ inval der Franschen en der verovering van Maastricht, de katholieke godsdienst in volle vrijheid hersteld. Wat was natuurlijker en meer gewettigd dan het verlangen der Maastrichtenaren, hunnen schat weder in hun midden te bezitten? Gehoor gevende aan dien vurigen hartewensch togen zij dan in onafzienbare scharen naar Tongeren, om het miraculeuze beeld terug te voeren naar de aloude plaats zijner vereering. Groote verslagenheid heerschte onder de inwoners van Tongeren, die ruim dertig jaren de gelukkige getuigen waren eener reeks van wonderen en allen zoo vaak in duistere en hachelijke oogenblikken des levens de lichtende genadestralen dier roemvolle „S/gr der Zeequot; hadden mogen ontvangen. In plechtige processie, onder geestdriftige gezangen, zoowel der bewoners van Tongeren, welke hunne harten luchtten in dankende

M-

ocr page 227

X

gt;c

DRIE EN TWINTIGSTE DAG. 20I

gt;c

afscheidsliederen, als van de steeds aangroeiende menigte, die met blijde juich- en jubeltonen hunnen eerbiedwaardigen schat verwelkomden, werd het genadebeeld naar zijne oude stad teruggevoerd en achtereenvolgens geplaatst in de St. Servatius-kerk, in die van St. Jacobus en in de nieuwe kerk der Minderbroeders. Op iedere plaats, waar liet beeld eene wijl vereerd werd, geschiedden wonderbare genezingen en ge-bedsverhooringen. Niet te verwonderen, dat de aloude godsvrucht dan ook nog met den dag aangroeide en steeds breeder scharen zich kwamen nederwerpen voor Maria's wonderbeeld. De inwoners van Tongeren waren zeker niet de laatsten of de minsten in getal, welke ter vereering van de immer wondervolle „S/er der Zeequot; kwamen opdagen. Nog te versch lag het zegenrijk verblijf van Maria's genadebeeld in hun geheugen, te overvloedig waren de gunsten en genaden door haar uitgedeeld onder die ijverige Maria-kinderen, dan dat zij niet met de Maastrichtenaren zouden wedijveren om hun aller Moeder het meest te vereeren en aan te roepen. Nieuwe wonderen lieten zich dan ook niet wachten! Maria wilde in goedertierenheid niet onderdoen voor de offervaardigheid harer trouwe dienaren. Gunsten zonder tal spreidde zij rond, en allen, die voor haar beeld kwamen nederknielen, mochten hare moederlijke goedheid ondervinden.

ocr page 228

5C

202 meimaand der genade-oorden'.

Nog eenmaal, het was in 1794, braken droevige en onheilvolle dagen aan.

Maastricht viel in handen der Franschen, die nu •— in tegenstelling van twee eeuwen vroeger — als verdierlijkte aanbidders dei-Rede, zich tot taak rekenden den katholieken godsdienst uit te roeien. Het beeld van O. L. Vrouw. „S/er tier Zeequot; moest bij de geloovigen in veiligheid worden gebracht. Dan, betere dagen braken aan en de Maria-vereerder kon zich weder voor het beeld „der Genadevollequot; gaan neder-werpen. In 1837 werd het miraculeuze beeld geplaatst in de O. L. Vrouwe-kerk, een der merkwaardigste tempels van ons land. Daar in het linker dwarsschip staat het altaar, waarop thans de „S/er der Zeequot; troont en in onverstoorde vereering moge blijven !

Ziedaar, godvruchtige Maria-vereerder, de geschiedenis van O. L. V. „S/er der Zeequot; in het kort medegedeeld. Moge door het lezen van dit verhaal menig Christen «'orden opgewekt om in de stormen der holle wereldzee met een vast vertrouwen oog en hart te verheffen tot deze flikkerende „S/erquot;, wier stralen niet alleen licht, maar ook hulp en redding schenken 1

Besluit. Vragen wij met alle vertrouwen en met grooten moed aan „de S/er do-Zeequot; altijd te wandelen in Gods heilige tegenwoordigheid.

quot;X

X

ocr page 229

^tcu cn ttaintiijöti: Dag.

gxoatljcticn ban jBaria.

Hare milddadigheid.

liefde en de gierigheid zijn blind.

Een heidensch wijsgeer stelde de liefde voor in een verscheurd en haveloos kleed en zonder schoeisel, als een wonderbaar wezen, dat alles geeft en niets voor zich zeiven behoudt.

Dan, wat is de menschelijke liefde in vergelijking bij de goddelijke ! God toont den menschen zijne liefde door den rijkdom en de menigte zijner gaven. Welnu, onder alle schepselen komt de H. Maagd Gode het meest nabij. Daarom is zij hoogst milddadig, vooral jegens hare getrouwe dienaren.

Ofschoon er altijd een oneindig verschil en een oneindige afstand is tusschen God, de bron van alle goed, en de H. Maagd, die het kanaal is, hetwelk door deze bron gevoed wordt, blijft het toch altijd waar, dat hij, die Maria gevonden heeft, alle soorten van goederen vinden mocht.

Pharao zond weleer allen, die hem eenige gunst kwamen vragen tot Jozef, en deze noodigde al zijne broeders uit zijn gelukkig lot te komen deelen. O]) gelijke wijze

ocr page 230

204 meimaand der genade-oorden.

zendt de Zaligmaker allen, die zijne genadegunsten behoeven, naar zijne Moeder. En deze verhevene Moeder roept de haren liefdevol nitnoodigend toe ; „Komt, mijne kinderen, ik zal u de schatten uitdeelen, waaraan ik deelachtig ben geworden. Hij, , die mij vindt, zal het leven vinden, en j zaligheid scheppen van den Heer.quot;

quot;Xclicn her ïf. .iBaantb.

Maria hij het lijden.

(gedurende ruim drie en dertig jaren mocht ~~ Maria eene hemelsche zoetheid en vreugde smaken in den beminnelijker) om-| gang met haar goddelijk Kind.

Het uur was nu geslagen, waarop de voorspelling van Simeon in algeheele vervulling zou gaan : „Ook zal een zwaard uwe ziel doorborenquot;. Haar goddelijke Zoon zou den weg des kruises afleggen en Maria zou in zijn lijden niet van Hem gescheiden worden ; als de kloeke vrouw, de Koningin der Martelaren, zal zij den kelk des lijdens tot den bodem toe ledigen.

In het gevolg van den Verlosser trad zij Jeruzalem binnen om liet laatste Paasch-| feest met Hem te vieren.

Zoodra liet Paaschlam was gegeten en de ceremoniën der Oude Wet waren volbracht, omgordde zich Jezus met een \ linnen doek en wiesch de voeten zijner

ocr page 231

VIER EN TWINTIGSTE DAG. 205

apostelen. — Dan stelde Hij dat wonderbaar Sacrament zijner liefde in, het middelpunt van onzen H. Godsdienst, den schat der heilige zielen, het onderpand der he-melsche zaligheid. Volgens vele beroemde godgeleerden en kerkelijke schrijvers, was Maria daarbij tegenwoordig, wat ons voorzeker niet bevreemden kan, als wij bedenken, hoe innig de wederzijdsche liefde tusschen Jezus en Maria was.

En ziet, nog dienzelfden nacht moest Maria het verraad van Judas en de daarop gevolgde gevangenneming haars Zoons vernemen.

Jezus had den kelk des lijdens aan de lippen gezet; Hij zou hem drinken tot den kaatsten druppel. De grievendste vernederingen, de laagste bespottingen, de wreedste pijnen en smarten zouden elkander opvolgen en tegelijk den weerslag doen i gevoelen in Maria's van droefheid bloedend i hart. De droevigste tijdingen gewerden haar :

„Onder slagen, bespottingen en verguizingen sleurden de soldaten Jezus voort naar het paleis van Annas; van Annas naar Caiphas; daar vergaderde de Hooge-Raad en werd uw goddelijk Kind valsch beschuldigd, in 't aangezicht geslagen en ter dood veroordeeld ; dan hebben zij Hem geblinddoekt, bespuwd, beschimpt; Petrus loochende tot driemaal toe zijn leerling te zijn. — In den morgen leverden de Joden

ocr page 232

206 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

uwen beminden Zoon aan de heidenen over. Eene onstuimige opgezweepte menigte eischte van Pilatus zijn dood aan het kruis. — IJselijke kreten weerklonken: „Kruisig Hem, kruisig Hem. Laaf ons den moordenaar Barrahas losquot;. De heidenen hebben Hem gegeeseld en eene kroon van doornen op het hoofd gedrukt.

Na zeven malen zijne onschuld te hebben beledei., heeft Pilatus het doodvonnis uit-gesprok( ; uw dierbaar Kind gaat met zijn eigen kruis beladen naar den berg van Calvarië om gekruisigd te worden.quot;

O, welke tijdingen voor deze teederste der moeders! Welk een schrikkelijke dag! AVat al stroomen van tranen heeft zij toen vergoten ! Ja, een orkaan van smarten kwam over haar, die echter niet in staat zou wezen haar heldenmoed te breken. Het betaamde. God wilde het, dat Maria, de tweede Eva, deelnam aan de Verlossing door Christus, den tweeden Adam, bewerkt. Ziet, de Moeder van Jezus, de Koningin der Martelaren, begeeft zich in gezelschap van den beminden leerling Johannes, en van eenige godvruchtige vrouwen naar den weg, dien Jezus moet volgen, en neemt daar eene plaats in, waar zij haren geliefden Zoon van nabij zal kunnen aanschouwen. Reeds klinkt door de straat de trompet der soldaten, die het goddelijk Slachtoffer begeleiden ; in de verte ziet men de woelende menigte, die zich rondom Jezus

aC

X

ocr page 233

%

VIER EN TWINTIGSTE DAG. 207

verdringt, al meer en meer naderen. Het is alsof geheel Jeruzalem op de been is; de straten vullen zich met nieuwsgierigen, zelfs de daken zijn bezet met volk. Ach, hoe krimpt het hart van Maria bij het dolzinnig schouwspel, dat Jeruzalem oplevert, van smart ineen ! .. . . Daar nadert de heraut, die het doodvonnis draagt. Daar stappen meerdere gerechtsdienaars vooruit met ladders, houweelen, hamers, nagelen en andere benoodigdheden tot de kruisiging. Vreeselijke oogenblikken doorleefde Maria. De menigte met haren Zoon komt nader, en daar erkent zij Jezus, gebogen onder den balk des kruises. Eene kroon van doornen verscheurt zijn hoofd. Zijn aangezicht is gezwollen, bleek en met bloed bevlekt. Wankelend treedt hij voort. Wat diepe wonde sloeg dit beeld in het hart van Maria ! Wie zal de diepte harer smarten peilen !

Daar gaat Jezus voorbij. Hij werpt van onder de doornenkroon een liefdevollen blik op zijne Moeder, een blik, getuigend van smart maar tevens van medelijden.

Wat diepe ontroering grijpt haar aan' Hoe smartelijk dringt die blik door in haar moederlijk hart I Hei; vreeselijk lijden van haren Zoon prent zich in eens in al zijne uitgestrektheid in haren geest en dringt als een scherp zwaard in haar teeder moederhart. — Doch zij wist de hevigheid harer smartelijke aandoeningen te

X

gt;c

ocr page 234

X

X

2o6 meimaand der gexade-oorden.

uwen beminden Zoon aan de heidenen over. Eene onstuimige opgezweepte menigte eischte van Pilatus zijn dood aan het kruis. — IJselijke kreten weerklonken; „Kruisig Hem, kruisig Hem. Laat ons den moordenaar Barrabas losquot;. De heidenen hebben Hem gegeeseld en eene kroon van doornen op het hoofd gedrukt.

Na zeven malen zijne onschuld te hebben beledei., heeft Pilatus het doodvonnis uit-gesprokc ; uw dierbaar Kind gaat met zijn eigen kruis beladen naar den berg van Calvarië om gekruisigd te worden.quot;

O, welke tijdingen voor deze teederste der moeders! Welk een schrikkelijke dag' Wat al stroomen van tranen heeft zij toen vergoten ! ja, een orkaan van smarten kwam over haar, die echter niet in staat zou wezen haar heldenmoed te breken. Het betaamde. God wilde het, dat Maria, de tweede Eva, deelnam aan de Verlossing door Christus, den tweeden Adam, bewerkt. Ziet, de Moeder van Jezus, de Koningin der Martelaren, begeeft zich in gezelschap van den beminden leerling Johannes, en van eenige godvruchtige vrouwen naar den weg, dien Jezus moet volgen, en neemt daar eene plaats in, waar zij haren geliefden Zoon van nabij zal kunnen aanschouwen. Reeds klinkt door de straat de trompet der soldaten, die het goddelijk Slachtoffer begeleiden ; in de verte ziet men de woelende menigte, die zich rondom Jezus

'X

Xquot;

ocr page 235

vier p:n twintigste dag. 207

verdringt, al meer en meer naderen. Het is alsof geheel Jeruzalem op de been is; de straten vullen zich met nieuwsgierigen, zelfs de daken zijn bezet met volk. Ach, hoe krimpt het hart van Maria bij het dolzinnig schouwspel, dat Jeruzalem oplevert, van smart ineen ! . . . . Daar nadert de heraut, die het doodvonnis draagt. Daar stappen meerdere gerechtsdienaars vooruit met ladders, houweelen, hamers, nagelen en andere benoodigdheden tot de kruisiging. Vreeselijke oogenblikken doorleefde Maria. De menigte met haren Zoon komt nader, en daar erkent zij Jezus, gebogen onder den balk des kruises. Eene kroon van doornen verscheurt zijn hoofd. Zijn aangezicht is gezwollen, bleek en met bloed bevlekt. Wankelend treedt hij voort. Wat diepe wonde sloeg dit beeld in het hart van Maria ! Wie zal de diepte harer smarten peilen 1

Daar gaat Jezus voorbij. Hij werpt van onder de doornenkroon een liefdevollen blik op zijne Moeder, een blik, getuigend van smart maar tevens van medelijden.

Wat diepe ontroering grijpt haar aan ! Hoe smartelijk dringt die blik door in haar moederlijk hart! Het vreeselijk lijden van haren Zoon prent zich in eens in al zijne uitgestrektheid in haren geest en dringt als een scherp zwaard in haar teeder moederhart. •— Doch zij wist de hevigheid harer smartelijke aandoeningen te

X

gt;c

ocr page 236

m

s^.

X

208 meimaand der genade-oorden.

onderdrukken verborg liare benauwdheid in 't diepste des harten en volgde, als weleer Abraham, sprakeloos den nieuwen Izaak, haren Zoon naar den berg van Calvarië.

Bemerking. — Wie onzer zou nog over zijn lijden durven klagen, als hij het meest door God beminde schepsel in zulke droefheid ziet gedompeld !

On.ie 'Xicbc Pmuln lun ijct 0. quot;Dart,

•vereerd te issoudun en te slttard.

5ffl'en sc'lree^ 8 December 1854. 't Is deze dag, die in ieder katholiek hart een gevoel van dankbaarheid doet opwellen jegens Paus Pius IX z.g., omdat hij als leeraar aller geloovigen op dien heugelijken dag jjlechtig als geloofspunt vaststelde, dat Maria is zonder erfstnef onivangen. Op dezen gedenkwaardigen dag eindigden twee godvreezende priesters uit het aartsbisdom van Bourges, beiden kapelaans te Issoudun, eene Novene, welke zij gehouden hadden om van het goddelijk Hart van Jezus, door de voorspraak van de onbevlekte Moedermaagd, de oprichting af te smeeken van eene Vereeniging, die genoemd zou worden Congregatie der Missionarissen ''an hef H. Har/quot;. Gedachtig het woord door Jezus tot zijne gelukzalige bruid Marga-retha Maria Alacoque gesproken: „Mijn hart bevat alle genaden, die noodig zijn

p

'X

ocr page 237

VIER EN TWINTIGSTE DAG.

om de menschen uit den afgrond des ver-derfs op te beurenquot;, —■ meenden zij in het goddelijk Hart van Jezus het zekere middel te vinden 0111 tallooze zielen van een wissen ondergang te redden. Maar wat kunnen twee priesters te midden van eene wereld, waarin het ongeloof welig tiert, de godsdienst wordt verwaarloosd, het heilige veracht, de ongebondenheid ten troon is verheven? Geen nood! Zij hadden schriftelijk beloofd om Maria op eene bijzondere wijze te vereeren, indien zij door hare machtige voorspraak de gevraagde genade verwierven; en wie heeft ooit gehoord, dat Maria geene huipe bood, vooral wanneer het heil der zielen bevorderd moest worden ? -— De laatste dag hunner Novene was daar. Na de Hoogmis komt aan de pastorie een heer uit de stad, namens een onbekende de som van twintigduizend francs overhandigen, om te Issoudun een goed werk te stichten. — „Maar welk goed werk?quot; — ,„Juist zooals de Eerw. Heeren verkiezen, maar eene Congregatie van Missionarissen zou den weldoener zeker aangenaam zijn.quot;quot; — Men begrijpt de heilige ontroering, welke zich van die ijverige priesters meester maakt; daar ontvouwt zich voor hen wel is waar eene toekomst van opofferingen en ontberingen, van strijd en beproeving, maar zij offeren zich zelf als een levend brandoffer op aan den Heer, 0111 tot zijne eer en glorie te arbeiden onder

X-

Meimaand Genade-Oorden. 14. X

209

ocr page 238

X

X,

2 io iieimaand der genade-oorden.

de schutse van het H. Hart van Jezus en van Jezus' onbevlekte Moeder.

Op Zondag, 9 September 1855, ontvingen de nieuwe Missionarissen den naam van „Missionarissen van het H. Hart van Jezusquot; en op dienzelfden dag (feestdag van den H. Naam van Maria) gaven zij, verlangend om aan Maria hunne dankbaarheid te betuigen, haar in hunne gebeden den titel van „Onze Lieve Vrouw van hei H. Hartquot;. Daardoor wilden zij tevens uitdrukken, dat Maria een grooten invloed uitoefent op het H. Hart van haar goddelijken Zoon. Weinige dagen na hunne vestiging plaatsten de Missionarissen in hunnen tuin een beeld van Maria Onbevlekt Ontvangen, met het nieuwe opschrift: „Onze Lieve Vrouw van hei H. Hari, bid voor onsquot;. In i860 werd het hoogaltaar in de nieuwe kerk te Issoudun aan Onze Lieve Vrouw van het H. Hart toegewijd en niet lang duurde het, of met goedkeuring der kerkelijke overheid werd eene Broederschap opgericht, die ten doel heeft Onze Lieve Vrouw van het H. Hart in moeilijke en wanhopige zaken aan te roepen. Deze Broederschap heeft zich over de geheele wereld verspreid en telt hare leden bij millioenen. Voor Nederland is de hoofdzetel dezer Broederschap te Sittard gevestigd. -

Besluit. Knielen wij neder voor het beeld van Onze Lieve Vrouw van het H. Hart en vragen wij de deugd van matigheid.

gt; gt;

X

ocr page 239

Dijf cn tUiiutiijötc ^aij.

i'vaarljcticn li au .in ana.

Zij verlaat hark dienaars niet.

(Égelijk de geschiedenis getuigt en het Ro-^ meinsch Brevier mededeelt, heeft de Christelijke maatschappij aan de bijzondere tusschenkomst der H. Maagd meermalen hare redding te danken gehad.

De bloeddorstige Mahomedanen, die vijanden van den christennaam, hadden op het laatst der T6de eeuw eene ontzettende macht verworven. Zij drongen steeds verder en verder in Europa door, overal waar het mogelijk was, den christelijken godsdienst vernietigend en de Christenen tot slaven makend. De katholieke vorsten, onderling verdeeld, waren te zwak om hun het hoofd te bieden. Zij dreigden geheel Europa te overweldigen en de Kerk van Christus tot slavin te maken.

In die benarde omstandigheden namen de Christenen met buitengewonen aandrang hunne toevlucht tot de H. Moeder Gods. Alom werden openbare gebeden verricht en steeg het Rozenkransgebed tot den troon van Maria op. Dan bracht de H. Vader, Pius V, in vereeniging met de vorsten ter ; hulp bereid, een leger en eene vloot bijeen

X'

X

ocr page 240

2 12 MEIMAAND DKR GENADE-OORDEN.

om den overmachtigen vijand te bekampen. En ziet, terwijl de Broederschappen van den H. Rozenkrans door geheel de wereld de gestelde gebeden verrichtten, werd in éénen zeeslag bij Lepanto eene volkomen overwinning op de Turken behaald. Sedert eeuwen was dergelijke zegepraal niet bevochten. Zij had ten gevolge, dat weldra de christelijke Europeesche staten van het dreigend juk dier barbaarsche horden waren bevrijd.

Nog een enkele maal, vele jaren daarna, in het begin der i8de eeuw, staken zij dreigend het hoofd op. Zij hadden hunne verliezen hersteld, en een ander overweldiger voerde hen aan tegen de Christen-Rijken. Wederom werd de allerheiligste Maagd nederig ter hulp geroepen; openbare gebeden werden vooral te Rome onder grooten toeloop van menschen voor de nederlaag der Turken tot God opgezonden; en de leden van den H. Rozenkrans volhardden in de aanroeping van de „Hulp der Christenenquot;.

Op den feestdag van Onze Lieve Vrouw Ter Sneeuw werd toen ten tweeden male eene wonderbare overwinning op de vijanden behaald. Keizer Karei VI versloeg hen in Hongarije, en verdreef hen voor goed uit het christelijk Europa.

X

gt;c

ocr page 241

4

vfjf en twintigste dag. 213

quot;ÏGclicn bcr l). .H^aagü.

Maria op den Calvarieberg. jjgjndanks de vertoogen der getrouwen, die de Moeder des Heeren aan het bloedig schouwtooneel oj) de kruin van Golgotha wilden ontrukken, beklom de H. Maagd den steilen weg, die naar den bergtop voert. Op de plaats der kruisiging gekomen, ziet zij de toebereidselen. Dan rukken de beulen Jezus de kleederen van het bloedende lichaam en strekken Hem uit op het schandhout. De kruisiging van haar kind is al te verschrikkelijk voor het oog eener moeder. Wij mogen veronderstellen, dat Johannes en Maria Magdalena de Moeder der smarten een weinig ter zijde nemen; maar toch hoort zij het woelen der menigte en de felle hamerslagen, waardoor haar goddelijke Zoon aan het kruis wordt vastgeklonken. Maria . . . beeft over geheel haar lichaam; het koude zweet breekt haar uit. Ook zij wordt gekruisigd; iedere hamerslag treft ook haar tot in het diepste haars harten.

Nadat Jezus gekruist was, trokken zij Hem omhoog en richtten het kruis op. Ziedaar den Zoon des menschen als een standaard op de aarde geplant, rondom welken zich de uitverkorenen scharen!

Maria, doodsbleek van smart, naderde tot aan den voet des kruises; sprakeloos stond zijteweenen. Droevige uren, ijzingwekkende

lt; x

X

ocr page 242

X..

214 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

stonden, waarvan de christenziel zich slechts eene flauwe gedachte kan vormen, doorleefde Maria. Het zwaard van droefheid doorsneed hare zuchtende, diepbedroefde ziel. Al de pijnen van Jezus waren ook de pijnen van Maria; want, zegt de H. Hieronymus, zoovele wonden als aan het lichaam van Jezus waren, zoovele wonden waren ook in het hart van Maria. Wie zich dan op den Calvarieberg hadde bevonden, zegt de H. Chrysostomus, zou twee groote altaren gezien hebben, waarop twee offeranden opgedragen werden, het eene in het lichaam van Jezus, het andere in het hart van Maria. De reden hiervan is, zegt de H. Bernardus, dat de liefde in het hart van Maria voortbracht, hetgeen de nagels aan het lichaam van Jezus uitwerkten. De Keuwige Vader vroeg aan Maria in te stemmen met het offer van haren goddelijken Zoon; — en van die stonde af werd Maria onze moeder. Van het kruishout sloeg Jezus een betee-kenisvollen, liefderijken oogslag op zijne moeder en zijnen beminden leerling, die alsdan al degenen vertegenwoordigde, welke in Christus zouden gelooven. Dan sprak de Verlosser tot Maria: ,, Vrouw, ziedaar uwen zoonquot;; en tot J ohannes: „Zoon, ziedaar uwe moederquot;.

Uit kracht van dit testament des Heeren is Maria voor ons de teederste, zorgvuldigste en meest vermogende moeder.

ocr page 243

215

Bemerking. — Blijkbaar echter hebben wij slechts recht op de teederheid, de toewijding en de bescherming der Moeder van onzen Heer Jezus Christus, in zooverre ook wij zelf jegens haar teerminnende, onderdanige en getrouwe kinderen zijn.

vOiisc 'Xidic Prnulu ban Ijct ï). ïfart,

vereerd te issoudun ex te slttard.

C^e ontelbare weldaden naar lichaam en kr* ziel, welke door de godsvrucht tot Onze Lieve Vrouw van het H. Hart verkregen zijn, hebben de oprechte geloovigen aangespoord, verschillende kerken en kloosters, ja vele huizen zelfs met een beeld van Onze Lieve Vrouw van het H. Hart te versieren. Aldus werd ook onder de zichtbare leiding der goddelijke Voorzienigheid te Sittard de Broederschap van Onze Lieve Vrouw van het H. Hart opgericht en eene Basiliek gebouwd, tot welker stichting zoowel de nederige daglooner als de schatrijke handelsman het hunne hebben hijgedragen. — Wij zeiden zooeven „onder de zichtbare leiding der goddelijke Voorzienigheidquot;; — want ziehier het eerste begin dezer devotie te Sittard.

Ken meisje, op kostschool bij de Eerw. Zusters Ursulinen, had het ongeluk eene

ocr page 244

216 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

fijne naainaald naar binnen te slikken. De geneesheeren deden al het mogelijke om het gevaarlijke voorwerp te verwijderen, maar tevergeefs. Een harer vriendinnetjes, ook op het pensionnaat, had van hare moeder het schietgebedje geleerd: „Onze Lieve Vrouw van hei H. Hart, bid voor ons!quot; De kleine lijderes zou ook in deze hachelijke omstandigheden dit nieuwe gebed uitspreken, de medaille van Onze Lieve Vrouw van het H. Hart omhangen, en alle Zusters en pensionnairen zouden zich met haar in het gebed vereenigen. En ziet! het meisje begint te hoesten en tot verbazing van allen, die er bij tegenwoordig waren, komt op de smeekbede: „Onze Lieve Vrouw van hei H. Hart, bid voor onsquot;, de naald te voorschijn. Zoo straalde in haar begin als een klein vonkje de devotie tot Onze Lieve Vrouw van het H. Hart in Nederland!

Geen wonder, dat de Zusters met hare leerlingen voortgingen de H. Maagd onder haren nieuwen titel te vereeren; 't was immers den tol der dankbaarheid brengen en nieuwe genaden vragen. Ter eere van de drie en dertig jaren, die onze goddelijke Zaligmaker op aarde geleefd heeft, werd Maria als Onze Lieve Vrouw van het H. Hart dagelijks drie en dertig malen aangeroepen. Dit gebruik werd van Juni tot December 1867 gevolgd, zonder c'at men nog wist, wat toch de oorsprong dier

-sK

Xquot;

ocr page 245

^C-

.-X

VIJF EN TWINTIGSTE DAG. 2 17

nieuwe devotie was. — Op zekeren dag komt eene Zuster Ursuline uit Engeland te Sittard over. Zij verneemt wat geschied is en hetgeen niemand had kunnen denken, — zij weet den stroom en den oorsprong aan te wijzen van die nieuwe genadebron. Zij wist te verhalen van Issoudun en van het heiligdom, waar reeds zoovelen in moeilijke en wanhopige zaken Maria hadden aangeroepen en verhooring hadden gevonden. Met heilige geestdrift werd de bekendmaking van Onze Lieve Vrouw van het H. Hart gevierd.

De beide vriendinnen, zoowel zij, die het nieuwe gebed en de medaille in het klooster bracht, als de andere, die zoo wonderbaar werd gered, hebben later de wereld vaarwel gezegd en den religieuzen staat omhelsd.

Weldra stelden de Ursulinen van Sittard zich in verbinding met den hoofdzetel der Broederschap te Issoudun, en nu wies het nederig zaadje weldra op tot een grooten boom, onder wiens lommerrijk gebladerte de wanhopige en terneergeslagen Christen moed en opbeuring vindt. Op 11 Dec. 1873 werd het beeld van Onze Lieve Vrouw van het H. Hart te Sittard gekroond. Toen vooral bleek, dat de kapel der Eerwaarde Zusters veel te klein was ; — reden, waarom eenigen tijd daarna werd besloten tot den bouw der Basiliek van Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, waarin thans de Broederschap gevestigd is.

X

X

ocr page 246

X.

218 meimaand der gexade-oordex.

Besluit. Bidden wij Onze Lieve Vrouw van liet H. Hart om in onze gesprekken nooit iets tegen de eer van haar of haren goddelijken Zoon te zeggen, maar indien de gelegenheid zich aanbiedt Gods glorie en Maria's vereering te bevorderen.

X

ocr page 247

_______^

Xcti en tlnintiijötc T'aij.

vLn'natijrücn ban jKaria.

Maria is machtiger dan een geheel leger.

Jg^mstreeks het jaar 620 was de Christen-Keizer Heraclius in oorlog met de Perzen, en hij zelf was aan het hoofd zijner troepen opgetrokken. Van dezen toestand van zaken maakte koning Chos-roës gebruik om ook de Hunnen, de gezworen vijanden van Heraclius, tegen hem op te ruien. Dit gelukte, en de vereenigde legers sloegen het beleg voor Constantinopel, dat geheel van bezetting ontbloot was en zich dus bijna niet kon verdedigen.

Maar de stad der oude Christen-Keizers was zoo gelukkig Maria als beschermheilige te bezitten, en hare tusschenkomst zou redding brengen.

Op zekeren dag, terwijl de zon hare eerste morgenstralen over het aardrijk uitgoot, — daar zagen de belegeraars uit eene der stadspoorten eene vrouw vol majesteit te voorschijn treden, omringd door eenen grooten stoet van hovelingen. Zij meenden niet anders of het was de Keizerin, die met haren hofstoet zich naar den koning begaf om den vrede af te smeeken.

Zij lieten haar dus eerbiedig doorgaan.

%

ocr page 248

220 meimaand der genade-oorden.

Toen zij evenwel bemerkten, dat de vorstelijke vrouw den weg naar het verblijf des konings niet insloeg en dus niet kwam om den vrede te vragen, wilden zij haar achtervolgen en gevangen nemen. Doch eensklaps was zij uit hunne oogen verdwenen.

Zoodanige ontzetting en verblindheid greep allen aan, dat zij hunne makkers als vijanden aanzagen en in ouderlingen strijd elkander doodden. — Ook de vloot der verbondene ongeloovigen werd door een vernielenden orkaan overvallen en leed zoo zware verliezen, dat het beleg werd opgeheven. — Een ieder begreep, dat het de Koningin des Hemels geweest was, die door hare verschijning zulken schrik in het kamp verspreid had en de belegeraars tot den aftocht had genoodzaakt.

%clini her D). .VHaaijb.

Dood des Zaligmakers.

s'Jtfet allergewichtigst oogenblik is daar; filis de Zoon Gods gaat de overwinning behalen over de wereld, over dood en hel, ja zelfs over Gods gestrenge rechtvaardigheid. De vervulling der voorspellingen, de verwerping der offeranden, onze eeuwige verlossing gaan voltrokken worden.

„Ik heb dorstquot;, sprak Jezus; en zij brachten aan zijnen mond eene spons in azijn gedoopt. Jezus weigerde die en sprak zijn

X

gt;c

ocr page 249

X

ZKS EN TWINTIGSTE DAG.

221

laatste woord: „Hef is volbrachtquot;. — Nu wil Hij toonen, dat Hij niet voor de wet des doods zwicht, maar geheel uit zijnen vrijen wil zijn leven geeft; Hij buigt zijn hoofd en sterft! —■ Toen werd de voorspelling van den Profeet Amos werkelijkheid en werd de aarde op klaarlichten dag met duisternis overdekt.

Wie schetst ons het zielewee, dat Maria's moederhart overstelpte, toen zij haren teerbeminden Zoon smeekend hoorde uitroepen : „Ik helgt; dors/quot; 1 De meeste moeders hebben de kracht niet het oog te vestigen op hunne stervende kinderen of missen althans den moed hun laatsten snik op te vangen. Staat eene moeder evenwel aan de stervenssponde van haar kind, dan tracht zij het alle mogelijke verlichting te verschaften en vindt daarin eene opbeuring van haar bedroefd gemoed. Maria stond naast haar eenigen Zoon, op zijn sterfbed, het schandhout des kruises, uitgestrekt; maar het was haar niet vergund Hem eenige verkwikking aan te bieden. Hij heeft dorst,— en geen druppel water kan zij Hem geven om dien brandenden dorst te lesschen. Pijnlijker nog voor haar moederhart moet zij zien, dat Hem de zure azijn als drank wordt aangeboden. Welk een zoete balsem van troost zou uitgestort zijn in haar door droefheid overstelpt gemoed, hadde zij dien smachtenden dorst van haar stervend kind mogen laven. Doch helaas! zij kon Hem

PK

gt;c

ocr page 250

.X

22 2 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

niets aanbieden dan de tranen, welke overvloedig haar moederoog ontvloeiden !

Wij zien Maria nog onder het kruis als de krijgsknechten naderen om zich te overtuigen of Jezus inderdaad gestorven is. Een soldaat opent de zijde van Jezus, die wel den smaad, maar niet de smart daarvan gevoelde; deze was Maria's deel, en wel in zoo hevige mate, dat volgens eene openbaring aan de H. Birgitta, Maria zonder Gods wonderbare tusschenkomst daarvan zou gestorven zijn. In hare vorige smarten vond zij steeds een deelgenoot in het lijden, haar medelijdenden Zoon; nu moest zij ook deze bron van troost missen. Jozef van Arimathea en Nicodemus verkregen van Pilatus verlof om het doode lichaam van Jezus van het kruis te nemen en te begraven. Zij leggen den kostbaren last in de armen van Maria. Wat een schouwspel voor zulk eene teergevoelige moeder! Die geopende mond, die verduisterde oogen, die opengereten wonden, die ontvleeschde ledematen, die doorboorde handen en voeten van haar goddelijk Kind !

Vol eerbied nemen de vrome mannen het gezegend lichaam van Maria's schoot, balsemen het met welriekende kruiden en wikkelen het in een linnen doek.

De droevige lijkstatie komt bij het nieuwe graf, waar Jezus lichaam zal rusten, en Maria werpt nog een laatsten blik op haar dierbaren schat. De leerlingen dragen het

X gt;

gt;c

ocr page 251

zks en twintigste dag.

lijk huns meester in de grafstede, die kort daarna wordt gesloten, verzegeld en dooide soldaten bewaakt, opdat niemand het Heilig Lichaam zou kunnen wegnemen en zeggen : „Jezus is verrezen, zooals Hij voorspeld heeftquot;.

Bemerking. — Verbeelden wij ons bij den kruisdood van Jezus Christus tegenwoordig te zijn, en hoe vervolgens de Moeder der smarten met gebroken hart zijn onzield lichaam aan haren boezem drukt. Door elke doodzonde vooral her-kruisigen wij, zooveel in ons is, Jezus en hernieuwen wij Maria's grievende smarten.

Oii,;c %iclic Di'üuln bcr Olu-iiinnniiujni tc p.mj'i.

'Tïïeii der beroemdste heiligdommen van

g.n-p . o

Onze Lieve Vrouw in Frankrijk is zonder twijfel dat van Onze Lieve Vrouw der Overwinningen. Deze kerk werd gebouwd op last van Lodewijk XIII, tot dankzegging voor de inname van La Roebelle, het laatste bolwerk der ketterij.

De ligging der parochie van Onze Lieve Vrouw der Overwinningen, te midden van eene wijk, waar de wellust zijn troon heeft opgeslagen, brengt mede, dat zelfs op hooge feestdagen de kerk zeer spaarzaam bezocht wordt, dat het ongeloof daar weelderig zijne wortelen schiet en dat er bijna geen

X

X

ocr page 252

224 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

K

gevoel voor godsdienstige zaken te bespeuren is. Dit was vooral het geval omstreeks het jaar 1830, toen de Eerw. Heer Desge-nettes Pastoor der parochie was. Met zijne medewerkers in den wijngaard des Heeren, als een andere Abraham zijne handen smeekend ten Hemel verheffen, opdat de barmhartige God zich gewaardige een genadig oog te slaan op de diep gezonkene parochie, was alles, wat de van ijver brandende herder doen kon. Vooral bij het H. Misoffer bad de vrome priester tot den goddelijken Verlosser en zijne H. Moeder, opdat aan dien beklagenswaardige!! toestand een einde mocht komen. Eens, het was op den 3dei1 December 1836, feestdag van den H. Franciscus Xaverius, den grooten Missionaris, las de Pastoor de H. Mis aan het Maria-altaar. Aan de grootste neerslachtigheid en verstrooiing overgegeven, was hij genaderd tot de H. Consecratie. Terwijl hij al de krachten van zijn geest verzamelt om met de noodige oplettendheid de heilige woorden uit te spreken, verneemt hij in zijn binnenste met alle duidelijkheid deze woorden: „Wijd uwe parochie ioe aan hei onbevlekt Hari van Mariaquot;. Wat moeite hij ook doet, deze woorden komen hem telkens in de gedachte terug, vooral na de H. Mis bij de dankzegging. Ten laatste zet hij zich neder, neemt pen en papier en maakt een soort van reglement oj) voor de Broederschap, welke hij

Xquot;

ocr page 253

%_________

ZES EN' TWINTIGSTE DAG. 225

in zijne parochie wil oprichten. Hij zal eene poging wagen en mag zijne onderneming niet het gewenschte gevolg hebben, hij heeft clan toch zijn best gedaan.

Den December, op den 3d,:n Zon

dag van den Advent, kondigde hij in de Hoogmis, waarin 60 tot 70 personen tegenwoordig waren, aan, dat des avonds om 7 uur de eerste oefening der nieuwe Broederschap van het Onbevlekt Hart van Maria zou plaats hebben. Wat niet kon verwacht worden, geschiedde. Om zeven uur waren 500 tot 600 personen vergaderd, die elkander met verbazing aanzagen, zelf niet wetende hoe zij daar in zoo grooten getale bij elkander waren. Onder het Lof, wanneer de woorden der Litanie van Onze Lieve Vrouw „Toevlucht der zondaren, bid voor onsquot; worden gezongen, valt al het volk als één man op de knieën, en tot driemaal toe wordt dit smeekgebed herhaald. De ijverige herder, weenend van aandoening, werpt zich voor het altaar van Maria neder en smeekt: „O mijne goede Moeder, gij hoort „die kreten van liefde en vertrouwen, gij „zult de arme zondaars redden, die U „hunne toevlucht noemen. O Maria, „neem deze vereeniging aan, en schenk „mij tot teeken de bekeering van den heer „Joly. Morgen ga ik hem in uwen naam bezoekenquot;. — Deze heer Joly was oudminister van Lodewijk XVI, meer dan tachtig jaren oud, lag gevaarlijk ziek, maar

Meimaand Genade-Oorden. 15. %

ocr page 254

226 meimaand der genade-oorden.

wilde als volgeling van den goddeloozen Voltaire, niets van priesterlijken bijstand weten. Herhaaldelijk had hij den pastoor afgewezen. Den volgenden dag (12 Dec.) gehikt het dezen na veel moeite toegang tot den zieke te verkrijgen. En zietl Door het vriendelijk woord des priesters komt de man zoover, dat hij den zegen verlangt, en spoedig Gods barmhartigheid verheerlijkt door eene schitterende en oprechte bekeering. Hij bleef nog eenige maanden in het leven en stierf vol geloof en vertrouwen op God.

Deze bekeering gaf een machtigen stoot aan de Broederschap van het Onbevlekt Hart van Maria. Op 24 April 1838 werd zij door Paus Gregorius XVI tot Aartsbroederschap verheven. Met bliksemsnelheid verspreidde zich de tijding van een en ander door geheel de Christenwereld en binnen eenige jaren telde men twee mil-lioen leden, zoodat men met recht mag zeggen, dat O. L. Vrouw der Overwinningen, de zekere toevlucht der zondaren, over geheel den aardbol vereerd en aangeroepen wordt.

Besluit. Smeeken wij vol vertrouwen den al goeden God dat Hij, door de voorspraak van het onbevlekt Hart van Maria ons vrijware van alle gevaarlijke gelegenheid tot zonde.

X gt;

X )

ocr page 255

xC

i'rnotljciJrn üan .martci.

! Zij schenkt aan de Kerk groote Heiligen

i EN AAN DE MAATSCHAPPIJ BEROEMDE MANNEN.

de moeder van den H. Stephanus

Jongere — wiens feestdag den

| 28stequot; September gevierd wordt — vroeg aan God door Maria's voorspraak een mannelijke spruit. Onder haar gebed overmande haar de slaap. Nu zag zij eene schoone vrouw, die haar zachtjes met den voet aanraakte en zeide: „S/a op, want de zoon, dien gij vraagt, zal n gegeven wordenquot;. Die zoon werd naderhand een Heilige en een Martelaar.

Ook de H. Ildefonsus dankte aan de vurige godsvrucht zijner ouders jegens de H. Maagd zijn leven; daarom hield hij niet op Maria zijne teederste liefde en innigste dankbaarheid te betuigen.

De geschiedenis verhaalt, dat Anna van Oostenrijk reeds zestien jaren met Lodewijk XIII. koning van Frankrijk, door het huwelijk was verbonden en nog geen troonopvolger aan Frankrijk had geschonken. Onder een vloed van tranen smeekte de koningin om 's Heeren zegening; zij stichtte kloosters en deelde met milde hand

Xquot;

ocr page 256

quot;

22S MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

aalmoezen uit, opdat zij moeder zou mogen worden van een zoon. — Een ieder was begaan met de droefheid der edele vorstin, niet het minst zekere broeder Fiacre uit het klooster der Augustijnen van O. L. Vr. der Overwinningen. Deze eenvoudige kloo-terling, die om zijne buitengewone godsvrucht en gestrenge versterving zelfs aan het hof in hoogachting stond, besloot zijne toevlucht te nemen tot Jezus' Heilige Moeder en van haar een erfgenaam voor Frank-rijk's troon af te smeeken. — Wat geschiedt? Op den derden November 1637, 's morgens vroeg om twee uur, heeft broeder Fiacre nauwelijks zijn gebed begonnen, of daar hoort hij een klein kindje schreien. Hij ziet op, — en ontwaart de H. Maagd met een kindje op haar schoot.

Maria spreekt hem toe : ,, Frees niet, mijn zoon, ik ben de Moeder Godsquot;. De broeder, meenende dat Maria haar goddelijk Kind op den arm had, wilde nederknielen om zijn God en Zaligmaker te aanbidden. Zij echter onderrichtte hem en zeide: „Dit is mijn Zoon niet, maar de kroonprins, dien God aan Frankrijk geven wilquot;. Tot viermaal toe herhaalde zich deze verschijning ; den vierden keer gaf Maria te kennen, dat de koningin drie Novenen moest houden ter eere van O. L. Vr. van Gratie te Provence.

De vorstin kreeg kennis van deze verschijningen. Terstond werden de drie

X

gt;lt;

P

ocr page 257

x

zeven en twïntigste dag. 229

Novenen begonnen en negen maanden later, den zesden September 1638, was er in het koninklijk paleis en in geheel Frankrijk uitbundige vreugde over de geboorte van eenen prins.

%rlicn her quot;£). jHaaijb.

Maria mj dk verrijzenis.

CT;ezus had voorspeld, dat Hij den derden ét dag na zijnen dood uit het graf zou opstaan.

Nog spreidt de nacht, die den Zondag voorafgaat, zijne donkere nevelen uit over het aardrijk, doch weldra zal hij plaats moeten maken voor het glorende zonnelicht van den blijden Paaschmorgen. — De ziel van den Godmensch, uit het voorgeborgte der hel teruggekeerd, vereenigt zich weder met het Goddelijk Lichaam, dat daar levenloos nederligt in het graf. De majesteit van den eeuwig levenden Zoon des Vaders deelt zich mede aan het koude en met wonden overdekte lijk.... De dood moet zwichten voor een eindeloos leven, de bleeke lijkkleur voor schitterenden glans; de vijf wonden fonkelen als kostbare edelgesteenten en in het duistere graf straalt de luister

der Godheid____Jezus werpt den grafsluier

af en zonder den sluitsteen te verwijderen, zonder de rotsgewelven te scheuren, dringt Hij — als een zonnestraal door het heldere

ocr page 258

230 MEIMAAND DER GEXADK-OORDEN.

kristal — door het gesteente heen en is tot een nieuw en onsterfelijk leven herboren.

Alleluja! De Heer is waarlijk verrezen! Juich thans, o schare der hemelingen! De feestklaroen weerklinke nu bij de zegepraal van den Koning des Hemels!

Verheuge zich de aarde, bestraald met den glorieglans des Allerhoogsten! Maar ook gij, Moeder des Heeren, Koningin des Hemels, verheug u en verblijd u, „want Hij, Dien gij verdiend hebt te dragen, is verrezen zooals Hij gezegd heeft. Alleluja!quot;

Ongetwijfeld is de verrezen Zaligmaker het eerst aan zijne H. Moeder verschenen. De Evangelisten hebben ons deze verschijning wel niet geboekt, maar toch is zij boven allen twijfel verheven.

„Jezus verscheen aan Mariaquot; — zegt de H. Antonius — „alvorens aan iemand anders te verschijnen, dewijl zij, die het meeste met Hem had geleden, de wettigste aanspraak kon doen gelden om het eerst door Hem getroost te worden.quot; Alle heiligen en katholieke schrijvers, die dit punt als onderwerp van hunne bespreking kozen, stemmen met deze woorden in en hebben de verschijning van Jezus aan Maria als het algemeen gevoelen der Kerk voorgesteld.

Welk eene ontmoeting tusschen den verrezen Jezus en zijne blijde Moeder! Hoe geheel anders dan op den weg naar (rol-gotha! Moest zij Hem daar zien, mishandeld, bespot, geslagen en gebukt den zwaren

ocr page 259

zeven en twintigste dag. 231

last des kruises dragende — thans staat Jezus voor haar als de Eerstgeborene onder de levenden, „verheerlijkt en vol glorie, in een schitterend gewaad, met een gelaat stralend van vreugde!quot; (H. Bonaventura).

Wat onuitsprekelijke moedervreugde moet Maria's hart op dat oogenblik doorstroomd hebben! Was het een uur van ongekende vreugde voor den grijzen Jacob, toen hij vernam, dat zijn zoon Jozef, dien hij door een wild dier verscheurd waande, nog in leven en zelfs onderkoning van Egypte was, — wat zalige stonde moet het dan voor Maria zijn, nu zij met ongestoorde blijdschap mag rusten aan het Hart van haren verrezen God en Zoon!

Inderdaad die afwisseling van droefheid en vreugde gaat het begrip der Engelen te boven. Ja, geen Serafijn kent de liefde, noch de smart, noch de blijdschap, welke Maria's deel waren.

Bemerking. — Na lijden komt verblijden. — Voorwaar, deze verandering in Maria's zieletoestand is wel een krachtige spoorslag voor ons, om ook de smartelijkste teleurstellingen, de grievendste miskenningen met gelatenheid te verdragen en ons oog te vestigen op de toekomstige heerlijkheid, waarmede vergeleken het lijden dezes levens niets te beduiden heeft.

X

ocr page 260

232 meimaand der genade-oorden.

/innria'ó l^ciïirtbommrn te lïomc.

Sancta Maria in Ara Coeli. -Maria de Meerdere. -O. L.Vrouwvan Altijddurenden B ijst an j gt;.

In liet middelpunt van den katholieken godsdienst, te Rome, de hartader des Christendoms, heeft de H. Maagd Maria meermalen en van de vroegste tijden af, zich op merkwaardige wijze als de Machtige Maagd, de Bijstand der Christenen getoond.

De overlevering meldt ons eene wonderbare verschijning aan Keizer Augustus. Hij zag den hemel geopend, en op een altaar eene overschoone maagd met een klein kind op den arm, terwijl zich eene stem deed hooren : „Dit is het altaar van Gods Zoonquot;. Dientengevolge richtte deze keizer op het Knpitool in den tempel een altaar op, toegewijd aan deze maagd met het kind. De tegenwoordige Maria-kerk, daar ter plaatse verrezen, ontleent daaraan den naam van: „Sancta Maria in Ara Coeli. De Heilige Maria op het altaar des hemel s.quot;

Links van het hoogaltaar bevindt zich de kapel der H. Helena; langs den rand van den troonhemel leest men het opschrift: „Deze kapel, Ara-Coeli genaamd, is volgens de overlevering gebouwd ter plaatse, waar men gelooft, dat de allerheiligste Maagd

X

gt;c

ocr page 261

A?

zeven f.n twintigste dag. 233

en bloeder Gods, met haren Zoon in den arm, zich aan keizer Augustus in den hemel, te midden van een gouden kring, vertoond heeftquot;.

Maria de Meerdere.

j Tender het Pausschap van Liberius (in 352) ^ — aldus meldt het Romeinsch Brevier — hadden twee adellijke echtgenoo-ten, Johannes en zijne vrouw, beiden uitliet geslacht der Patriciërs, hunne nalatenschap aan de H. Moeder Gods toegewijd. Zij I smeekten haar met aandrang en volharding, door eenig teeken te willen openbaren, tot welk goed einde zij dat geld wilde besteed zien.

Hunne belofte en gebeden werden door i de H. Maagd gunstig aangenomen. Wat toch geschiedde? Den 5en Augustus, — als I te Rome de grootste hitte pleegt te heer-schen, — werd des nachts een gedeelte van den Esquilijnschen heuvel met sneeuw bedekt. Dienzelfden nacht vermaande de H. Maagd de twee echtgenooten elk af-1 zonderlijk, te harer eer eene kerk te bou-! wen op de plaats, welke zij des morgens i met sneeuw zouden bedekt vinden. Op \ deze wijze wilde zij de erfenis hunner goe-I deren aanvaarden. Johannes stelde Paus ! Liberius daarvan in kennis.

Deze verklaarde hem eene zelfde open-j baring in den droom te hebben gehad.

X

X

ocr page 262

X.

234 meimaand der gexade-oordex.

Men besloot nu het duidelijk verlangen der H. Maagd te volbrengen. In plechti-gen optocht toog de Paus, vergezeld van eene schare priesters en geloovigen, naaiden met sneeuw bedekten heuvel en wees daar de plaats aan, waar door de twee edellieden de kerk ter eere der H. Maagd zou gebouwd worden.

Dit heiligdom later door Paus Xystus III hersteld, draagt den naam van: „Dc basiliek vau O. L. Vr. Ter Sneeuwquot; of „Maria de Meerdere,quot; voornamelijk ter oorzake van het wonderbare en ongehoorde feit, waaraan deze kerk haar ontstaan te danken heeft. Zij bezit de oudste en eerbiedwaardigste miraculeuze beeltenis der H. Moeder Gods, i volgens eene vrome overlevering door den ■ H. Evangelist Lucas geschilderd.

De beeltenis van O. L. Vrouw van

altijddurenden B ijst and.

ff^eze beeltenis — tegenwoordig in de kerk !

van den H. Alphonsus vereerd — i werd in het jaar 14S0 door een koopman, die voor de Turken vluchtte, van het ei.and Creta (Candia) naar Rome overgebracht. | Op Creta reeds werd het beeld als mira- \ culeus vereerd. Te Rome bleef het aan- ' vankelijk verborgen gehouden; doch ziek : geworden en stervende beval de koopman aan zijn gastheer en vriend : „Neem hei I miraculeus beeld eu laaf hel in een der \

—

ocr page 263

ZEVEN EN TWINTIGSTE DAG. 235

kerken der s/ad openlijk vereeren'1. De last des stervenden werd aangenomen maar niet volbracht; de schilderij beviel zoodanig aan de echtgenoote van den Romein dat zij ze volstrekt voor zich wilde behouden. Tot driemaal toe werd de man door de H. Maagd vermaand om den opgedragen last te volbrengen ; maar tevergeefs. In de vierde verschijning zeide hem Maria: zie, dat ik niet eerder uit uw huis zal komen, vooraleer gij er uit gedragen zijtquot;. — De man stierf kort daarop; toch bleef de vrouw de schilderij behouden. Op zekeren dag kwam haar onschuldig dochtertje haar zeggen ; „Moeder, ik heb in ons huis eene vrouw gezien, zoo schoon als er in Rome geene te vinden is. 1 )eze zeide mij: boodschap aan uwe moeder en aan uw grootvader, dat de Moeder van Altijd-durenden Bijstand wil, dat hare beeltenis in eene kerk van Rome worde uitgesteldquot;.

Dit trof de vrouw ; en nadat Maria had verklaard, waar zij wilde vereerd worden — in de kerk van den H. Mattheüs — werd de schilderij den 2-jen Maart 1499 met goedkeuring van Paus Alexander VI, op plechtige wijze daarheen overgebracht.

De vereering van liet beeld, van den beginne af door vele «-onderen bevestigd, bleef daar in bloei tot aan het einde dei-vorige eeuw. De kerk van den H. Mattheüs geraakte allengs in verval en werd eindelijk gesloopt.

ocr page 264

X-

236 meimaand der genade-oorden.

De miraculeuze schilderij vond eene veilige bewaring in het klooster der Augustijnen, totdat zij op bevel van Z. H. Paus Pius IX z. g. naar de oude plaats — tusschen Maria de Meerdere en St. Jan van Lateranen — in de kerk der Paters Redemptoristen, overgebracht werd. Sedert is de devotie jegens O. L. Vrouw van Altijddurenden Bijstand in haar vroegeren bloei hersteld ; de Aartsbroederschap, onder dezen titel in voornoemde kerk opgericht, telt hare leden over den geheelen aardbodem.

■sjf ■sjf

Verklaring der vreemde letters bij de beeltenis. De letters naast het Kind beteekenen : Jezus Christus, — die boven den Engel links van O. L. V.: de aartsengel Gabriel, — rechts: de aartsengel Michaël. — De groote letters boven aan : Afoeder Gods.

Besluit. Knielen wij eerbiedig neder en vragen wij Maria ons in alle gevaren bij te staan.

'X V

Xquot;

ocr page 265

'Ptcljt cn tUuntiijötc ^aij.

j?raDtljrbni lian jBaria.

Z[J SCHENKT AAN HARE BESCHERMELINGEN

DE WARE WIJSHEID.

®(^e H. Kerk past op Maria toe deze Wfi woorden der H. Schriftuur (Spr. vin.) ,,/k, dc wijsheid, beiuoon de voorzichtigheid, en bij schrandere overleggingen ben ik tegenwoordig. Die mij gevonden heef/, zal leven vinden, cn heil verwerven van den Heerquot;.

Door Maria's voorspraak kunnen vrij verkrijgen de gave der voorzichtige wijsheid, zoo terecht genoemd de wetenschap der Heiligen. De uitgebreidste kennis toch op welke iemand mag roemen, zal hem niet baten, wanneer hij daarvan niet met de noodige voorzichtigheid gebruik maakt. -— Niet zelden zien wij mannen, die in hunne jeugdige jaren naar de wereld geene ontwikkelde opvoeding genoten hebben, toch in lateren leeftijd, door hunne degelijke bekwaamheid op velerlei gebied uitmuntende menschen worden. Edoch, zij waren vurige vereerders van Maria, en deze wist van „den Heer, den God der weienschappenquot; (i Kon. n. 3.), — Die ze naar welgevallen uitdeelt en bij wien alleen

^c

X %

ocr page 266

X

238 MEIMAAND DER GEXADE-OORDEN.

de ware wetenschap te vinden is, — dit alles te verkrijgen. Voor deze een woord van wijsheid, — voor gene een woord van kennis om ook anderen de wetenschap des heils te leeren, — voor een derde geloof, om, bezield met een krachtig vertrouwen op Gods almacht, wonderen te doen, — voor een ander de gaaf des woords, om dit met ijver te verkondigen, en door zijne overtuigende taal ook de verstoktste zondaars tot inkeer te brengen.

Ten allen tijde en overal zijn er mannen geweest, die, ofschoon soms zwak van lichaam, uitmuntten door een edelmoedig hart en een forschen wil, om voor Gods eer en glorie tot aan hun laatsten ademtocht werkzaam te blijven. Hoe zag men en ziet men nog zulke mannen nieuwe krachten verzamelen om door woord en daad Gods eer en 's naasten welzijn te bevorderen ? Is het niet neergeknield en een nederig, maar betrouwvol gebed stortend voor het beeld hunner Heilige Moeder Maria, welke zij zoo gaarne aanroepen als de „Zc/el der Wijsheidquot; ? Zóó vraagden zij en vragen ook de tegenwoordige navolgers van hunnen ijver, dat Maria eene straal der voorzichtige wijsheid, waardoor zij heeft uitgemunt, in hun gemoed moge doen neerdalen.

ocr page 267

K___X

acht en twintigste dag. 239

Xcbcn tier l). .lllaaijb.

Maria bij de Hemelvaart.

JCtf'et verlossingswerk was voltrokken. Uoor li? zijne opstanding uit den dood tot het eeuwig leven had de Verlosser zijnen Apostelen een doorslaand bewijs gegeven, dat Hij waarlijk God was en hen dus met het noodige gezag kon uitzenden om zijne nieuwe leer te gaan prediken.

Nu is het uur geslagen waarop, volgens de eeuwige raadsbesluiten des Allerhoog-sten, de Christus ten Hemel moet klimmen. Maria en de bevoorrechte leerlingen, die in Galilea Jezus hadden mogen zien en aanbidden, hebben zich naar Jeruzalem begeven. Daar verschijnt eensklaps de Zaligmaker te midden der vergaderden. Hij beveelt hun daar te verblijven in afwachting des Vertroosters en daarna gaat Hij hen voor, den weg op van Bethanië. — Waarheen? — Naar den Olijfberg; daar heeft de Verlosser in het holle van den nacht, ver van het gewoel der wereld, zijnen Vader zoo menigmaal gebeden, daar lag Hij nog voor eenige dagen in bitteren doodstrijd plat ter aarde neder. Daar heeft Hij den kelk des lijdens uit de hand zijns Vaders aangenomen, van daar wil Hij ook zijne glorie binnentreden ; nabij de plaats waar straks zijn bloed met doodszweet vermengd de aarde drenkte, zal zijn voet het laatst de aarde drukken.

ocr page 268

X gt;1

240 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

Jezus en Maria met de leerlingen komen op de hoogste kruin van den Olijfberg; deze is als de plaats van Jezus' verscheiden uitgekozen. Van af deze hoogte kan men een blik werpen over geheel Judea. Hier ziet men in de verte zoowel de breede wateren der Middellandsche Zee als het bergland van Samaria met zijn Garizim en Hebal; ons oog rust op den zilveren waterspiegel van den kronkelenden Jordaan en de blauwe oppervlakte der Doode Zee — sprekende getuigenis van Gods straffende Gerechtigheid —■ terwijl de reuzenpalmen van Jericho hunne kruin hoog ten hemel heffen, als wilden zij geheel onze aandacht tot zich trekken.

Daar strekt Jezus, naar de wijze der Oudvaderen zijne doorboorde handen uit over de schare en schenkt haar voor de laatste maal zijn goddelijken zegen. Nog eens werpt Hij een blik van teedere liefde op de aanwezigen, vooral op Maria, en zie! Nu rijst Hij op van de aarde, „zonder iemands hulp, door zijne eigene macht.quot; Hooger en hooger stijgt Hij op in het luchtruim. Een glansrijke stoet van heilige Oudvaders, — sommigen sedert eeuwen in gespannen verwachting, dat de „V e r-langde voor alle volkerenquot; (1) voor hen de poorten des Hemels zal komen ontsluiten, — voegt zich bij den zegepralenden

11. S,

(■) A,

X

X

gt;

ocr page 269

__X

ACHT EN TWINTIGSTE DAG. 241

Verlosser. Daar zien wij een H. Jozef, een H. Joachim, eene H. Anna met Jezus ten Hemel opstijgen. — Wat gelukkig en troostvol oogenblik voor Maria!

Vol bewondering volgen de gelukkige getuigen van 's Heeren Hemelvaart met hun oog den zegevierenden Zaligmaker, totdat eene glanzende wolk Hem onttrekt aan hunne oogen. Terwijl de Apostelen en die met hen waren nog met begeerigen blik staren in de richting, waar Jezus verdween, staan eensklaps twee mannen in helderwitte kleederen aan hunne zijde. Het waren Engelen Gods, die tot hen spraken: „Mannen Tan Galilea! ivaf s/aafgij hcmelwaarls fe sten i Deze Jezus, Die van n opgenomen is ten Hemel, zal alzoo (ten oordeel) komen, gelijk gij Hem hehi zien /en Hemel varenquot;.

Hierop keeren Maria en de Apostelen naar Jeruzalem terug, waar gewis de luis- ; tervolle gebeurtenis, die zooeven plaats vond, nog dikwerf het onderwerp hunner gesprekken geweest is.

Volgens eene oude overlevering wordt nu nog de plaats aangewezen en vereerd, • waar Jezus den afdruk van zijn linkervoet en ook gedeeltelijk van zijn rechter- heeft achtergelaten. Vroeger stond op deze plek eene prachtige kerk, door de H. Helena gebouwd. Nu bevindt zich terzelfder plaatse een ronde koepel, omgeven door een ringmuur, die ii door hun onooglijk uitzicht en vervallen toestand duidelijk te verstaan

16. ^

Meimaand Genade-Oorden.

ocr page 270

'

Xr

242 meimaand der genade-oorden.

geven, dat ook deze plaats het eigendom der Turken is.

Bemerking. — Was een H. Paulus reeds zóó onthecht aan de aarde, dat hij wenschte „ontbonden te worden en met Christus te wezenquot; (Philipp. I. 23), hoe zal Maria dan bij Jezus' Hemelvaart een walg gehad hebben van de aarde, denkende aan de eeuwige goederen. — Volg hun voorbeeld na.

Uct ïH-ilut ï^ui'j ban JJasamlj,

thans vereerd te LÜreto in italië.

ronder al de Heiligdommen welke den Jyjt Christen dierbaar zijn, is er wel geen, dat zoozeer moet op prijs gesteld worden en zóó onze aandacht verdient, als het H. Huis van Nazareth. Dit is immers de woning, die getuige is geweest van het wonder der wonderen, van de menschwor-ding van den Zoon Gods.

Het nederige stadje Nazareth, (1) waar zich de woning der H. Familie bevond,

Xquot;

1

Chr. Kieckens „Dagboekquot; enz., schrijft: „Nazareth heeft 2400 Katholieken, 2000 Grieksche Schismatieken, 1500 Mahomedanen, 150 Protestanten en geen enkelen Jood; een Jood wordt hier als Hebreër gescholden en met steenen uit de plaats verdreven. Nazareth en Bethlehem zijn de eenige plaatsen uit het H. Land, waar de Katholieken in aantal inwoners de overhand hebbenquot;.

ocr page 271

T

ACHT EN TWINTIGSTE DAG.

werd in het jaar 74 na Christus op vree-selijke wijze door den veroveraar Titus getuchtigd. De Almachtige God waakte evenwel over de kostbare woning, waarin zijn eenige Zoon een groot gedeelte van zijn leven op aarde had doorgebracht.

Onder de huizen, die van de verwoesting gespaard bleven, was ook het Heilig Huis, dat wel aan eenigen als zoodanig bekend was en door dezen vereerd werd, maar toch niet een voorwerp was van algemeene vereering. Deze nam eerst een aanvang onder Constantijn den Groote, wiens moeder, de H. Helena, ter bedevaart toog naar Palestina's heilige plaatsen. Doorquot; Gods hand geleid vond zij weldra, onder de ruïnen van het verwoeste stadje Nazareth, de plaats, waar het huis der Heilige Maagd stond. Aan de armoedige muren, den kleinen haard en het weinige, wat van het eenvoudig huisraad was overgebleven, maar vooral aan het altaar, dat zich daar bevond en den welriekenden geur, die er zich verspreidde, erkende zij spoedig, dat dit liet huis was, waarin Jezus, Maria en Jozef gewoond hadden. Aanvankelijk meende zij alles in denzelfden toestand te laten, waarin zij het gevonden had, en alleen het altaar, welks steenen verspreid lagen, weder te herstellen. Het verlangen evenwel om de heilige plaats zooveel mogelijk tegen den schadelijken invloed der elementen te beschutten, deed haar besluiten een

243

ïi

ys

ocr page 272

-

X v

244 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

prachtigen tempel over het huisje heen te bouwen; en zij gelastte, dat in den marmeren gevel der basiliek de woorden zouden prijken : Haec est ara in qua primo jactum est hunianac salniis fnndainen/um, „dit is ,,het heiligdom, waar de eerste grondsteen „werd gelegd van het heil der wereldquot;.

De tijding, dat het Heilig Huis van Nazareth door een luisterrijken tempel omsloten was, verspreidde zich over de geheels wereld, en duizenden Christenen begaven zich ter bedevaart om het huis, waar de Koningin des Hemels had gewoond, de bakermat des Christendoms, te bezoeken. Mannen en vrouwen, zoowel door hunne geboorte als door hun heilig leven beroemd, namen den pelgrimsstaf ter hand en togen heen naar Nazareth. Daar zien wij een H. Hieronymus met zijn jongeren broeder Paulinianus nederknielen, — daar ontmoeten wij de H. Paula met hare heilige dochter Kustochium ; later zien wij daar een H. Franciscus van Assisie en een H. Lodewijk, koning van Frankrijk, verschijnen. Deze laatste kwam den 24st,:quot; Maart 1252 (vooravond van Maria-Bood-schap) te Nazareth aan. Toen hij de heilige plaats in de verte ontwaarde, steeg hij van zijn paard, viel ootmoedig op zijne knieën neder, en legde verder te voet den weg af tot op de plaats, waar het heiligdom stond. Ofschoon hij eene zeer vermoeiende reis gemaakt had, vastte hij dien dag op

gt;c

%

\

■

ocr page 273

acht en twintigste dag. 245

water en brood. — Op de heilige plaats aangekomen vereerde hij onder een vloed van liefdetranen het Heilig Huis, woonde er de Heilige Mis bij en ontving daar het Brood der Engelen.

Besluit. Knielen wij neder en maken wij het voornemen om getrouwe vereerders te zijn van de HH. Harten van Jezus en Maria.

n.

X

ocr page 274

X

^cgcn en tlniiitujetc IDaij.

j3iquot;aotrjchcii ban jllana,

Maria verwerft ons deugden.

^/piria's goedheid is niet tevreden met de ziekten en zwakheden onzes li-chaams te genezen, — zij wil ook voor hare getrouwe dienaren het ware leven dei-ziel, de heiligmakende genade, verwerven; zij wil hun de kracht schenken om heldhaftige liefdewerken te verrichten, om met moed en voorzichtigheid de eer van God te bevorderen; kortom, zij verwerft voor iederen Christen de deugden, die hij noo-dig heeft.

De deugd is „de boom des levensquot; van welken de H. Johannes in het Boek der Openbaringen spreekt. De vruchten van dezen boom zijn wonderlijk schoon op het gezicht, maar nog heerlijker van smaak. Deze vruchten zijn: de ware wijsheid, om den gulden middelweg te houden, — de stille berusting in tegenspoed, — het zoete genot van een goed geweten, — een vast vertrouwen op Gods Voorzienigheid, —• eene ware vrijheid des geestes, die alléén het goede wil, — de onschatbare vrede des harten, — de geest des gebeds, — en een zalige dood.

ocr page 275

negen en twintigste dag. 247

Ue deugd is eene zoo goede en heilige genegenheid der ziel, dat men er geen misbruik van kan maken, of het is geene deugd meer, maar eene ondeugd, een gebrek; iets, wat men van geen enkele andere zaak op aarde kan zeggen. -— En zou nu Maria er niet veel meer vermaak in vinden, er niet grooter eer in stellen, ja, het zich ten plicht rekenen, hare kinderen te begunstigen met een schat van deugden, dan wel met tijdelijke weldaden? Gene kunnen ze alleen aanwenden tot hun eeuwig geluk, terwijquot; tijdelijke goederen door den mensch kunnen gebruikt .worden tot zijn eeuwig ongeluk.

Welnu, als wij de Heiligen gelooven mogen, — en dezen spreken uit ondervinding, — dan is er geene enkele deugd, of wij kunnen haar door Maria van God verkrijgen. — Kind van Maria! vraag dan een levendig geloof, een onwrikbare hoop, — eene brandende liefde, eene engelachtige kuischheid, eene nederige gehoorzaamheid, den geest des gebeds en de volharding in het goede tot in uw stervensuur!

quot;Xcltrn hrr 1), jBaagiJ.

Maria bij de kederdalixg v. d. H. Geest.

| cp)e vijftigste dag na de Opstanding, de j Spl tiende na de Hemelvaart was aange-' broken. Maria met de Apostelen en de

ocr page 276

X X

^c

248 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

andere leerlingen waren in ééne plaats vergaderd, hoogstwaarschijnlijk in de zaal des Avondmaals.

„De Vader des huisgezins heeft, bij zijn heengaan naar den Hemel, zijne liefdevolle Moeder op aarde gelaten, opdat zij zijne plaats zou innemen als Moeder der Apostelen en van alle geloovigen.quot; (!) Geen wonder dus, dat wij ook hier Maria, de Bruid des H. Geestes, ontmoeten, terwijl zij met hare kinderen al biddende den H. Geest met zijne gaven verwacht. Nu ging het woord bewaarheid worden: „Gij zul/ gedoopt worden mei den //. Gees/ niet lang na deze dagen.quot; (2) — Het Hoogfeest van Pinksteren was aangebroken. Omtrent het uur des morgenoffers, d. i. omstreeks 9 uur, onis/ond er plotseling ui/ den Hemel een geluid als van een hevigen wind, en het vervulde het geheele huis, waarin zij gezeten waren. En er verschenen hun verdeelde /ongen als van vuur en op ieder van hen se/te het zieh neder. Én allen 'werden vervuld me/ den H. Geest en begonnen /e spreken in verschillende /alen, naar da/ de ,//. Gees/ hun gaf ui/ /e spreken. (3) — Nu had er eene verandering plaats in de Apostelen en leerlingen, eenig in de geschiedenis van Gods Kerk. Straks nog waren zij bevreesd en beangstigd en

(') A Lapitle. Hand. I. 14. (':) Hand. I. 5. P) Hand. II. 1.

X

X

ocr page 277

X

NEGEN EN TWINTIGSTE DAG. 249

lieefden zij als een riet uit vrees voor de Joden, — nu zullen zij de wereld verbazen om den onverschrokken moed, waarmede zij openlijk voor den gekruisten Christus en zijne leer uitkomen, nu vreezen zij lijden noch dood. Hun geest werd in eens verrijkt met de volmaakte kennis der ver-hevenste waarheden, welke de geleerdste mannen niet dan na jarenlange inspanning en dan nog onvolmaakt kunnen verkrijgen. Zij spraken nieuwe talen, die zij nooit geleerd hadden, en toen zij spraken, hoorden menschen van verschillende landen, die op het wonderbaar geluid waren toegestroomd, ieder hunne eigene taal. — Onder den invloed van dien herscheppenden Geest begint Petrus, de menschenvisscher, aanstonds zijne netten uit te werpen en den Gekruiste te prediken, met eene vrijheid en eene overtuigingskracht zoo groot, dat op dienzelfden dag drieduizend man- | nen lidmaat worden van Christus' Kerk.

Wat zullen wij zeggen van de H. Maagd, 1 de Bruid des H. Geestes, die kwam neder- I dalen ? Wat anders, dan dat zij alléén | zooveel genaden ontvangt als al de anderen ! te zamen? Zij immers is de bij uitstek ootmoedige, die met brandend verlangen heeft verzucht naar de mededeeling van i Gods gaven; zij werd door God bemind ! met eene liefde, niet te evenaren; zij was | de Moeder van Gods Zoon, en dat i zegt alles. Was zij daarenboven niet de ,

#•

ocr page 278

--si

250 meimaand der genade-oorden.

aangewezen bijstand der Apostelen en der eerste geloovigen ? — Moest zij nog niet een tijd op aarde blijven om de Apostelen te bevestigen in hun geloof? Moest zij niet wezen het voorbeeld der maagden, der echtgenooten, der weduwen ? Zou zij niet in de verklaring van vele geheimen worden geraadpleegd, zij, die alléén van geheel het leven des Verlossers getuige was geweest? — Even zoovele vragen, die ons doen besluiten, dat Maria „cene goede, en neergedmkie, en geschudde en- overloopende \ nmafquot; (') van genade heeft ontvangen; eene maat, uit wier volheid al hare kinderen hun deel niet missen. Is het wonder, dat sommige schrijvers in hunne godsvrucht tot de H. Maagd niet aarzelen te beweren, dat de H. Geest op het Pinksterfeest op Maria nederdaalde als een groot schitterend vuur, dat zich vervolgens in vurige vlammen verdeelde en zich in den vorm van tongen op de vergaderden nederzette? Ja, het is waar, wat de H. Epiphanius zegt: „Bij den zondvloed stortten de wateren des hemels zoo overvloedig neder, dat de zee buiten hare oevers trad en de gansche aarde overstroomde; even overvloedig ontving Maria de gaven des H. Geestes, en wel in die mate, dat zij die genaden over de ge-heele wereld kan uitdeelen.quot;

Bemerking. — Het hangt van ons zeiven

(') Luc. VI 38.

ocr page 279

X quot;

-.3x

NEGEN EN TWINTIGSTE DAG. 251

af, of ook wij de gaven des H. Geestes ontvangen. Wanneer wij deze met een goedgesteld hart afsmeeken, dan is ook hier waar: „vraagt en gij zult verkrijgen.quot;

Oct quot;Oni'j li an .Qa vuTtij,

THANS VEREERD TE LORETO IN ITALIË.

(VerTo/g.)

fpjoor de invallen van vreemde vorsten, ïf® de plunderzucht der Turken en Muzelmannen, doch vooral ook door het losbandig en ongebonden leven der Christenen werden de plaatsen, door het leven en lijden van Jezus en Maria geheiligd, op de gruwelijkste wijze onteerd. De steden werden veroverd en verwoest en de heilige plaatsen, aan de zorg en waakzaamheid der Christenen toevertrouwd, verlaten, geschonden en vernield. Ook Nazareth zou hetzelfde lot ondergaan en de prachtige kerk met het H. Huis, waar „het JVoord is vleesch gewordenquot; zou geslecht worden. Doch de almachtige God waakte wederom over dit heiligdom der H. Maagd. Door engelen des Hemels laat Hij het opnemen en neerzetten tusschen Tersatto en Fiume in Dalmatië, in de nabijheid der Adriatische zee.

De eerste verplaatsing van het heiligdom werd bekend op den ic^quot; Mei 1291, onder het Pausschap van Nicolaas IV. In het vroege morgenuur van dezen dag ontwaarden

ocr page 280

X x

JC

252 MEIJIAAND DER GENADE-OORDEN.

eenige lieden op een zacht glooienden heuvel, gelegen onder de parochie Tersatto, op eene plek waar nog nooit een huis of wat daarnaar geleek gestaan had, een klein gebouw. Hunne verbazing steeg ten top, toen zij het vreemde huisje nader in oogen-schouw namen. Het was een vierkant gebouw, zonder fundamenten, rustend op den lossen bodem. En inwendig ? — Een klein altaar met den muur vereenigd, daarboven een Grieksch kruisbeeld, en daarnaast in eene nis een sierlijk uit cederhout gesneden beeld van de H. Maagd met het goddelijk kindje op den linkerarm. De gelukkige ontdekkers van dit kostbaar heiligdom spoedden zich naar hunne woonsteden om de heuglijke tijding te verspreiden. Allereerst werd deze gebracht aan den eerbiedwaardigen pastoor van Tersatto, Alexander di Giorgio, die om zijne buitengewone godsvrucht tot de H. Maagd algemeen bekend was en nu, door eene zware ziekte verhinderd, zich niet in persoon van het wonderlijke feit kon overtuigen. Te midden van den nacht, terwijl de pastoor half slapende was, werd zijn vertrek vervuld van een hemelsch licht. De H. Maagd verscheen hem en sprak hem minzaam in dezer voege toe: „Wees wel te moede, „mijn zoon. Het heiligdom, dat binnen „de grenzen uwer parochie werd nedergezet, „is het huis, waarin ik eertijds werd geboren „en opgevoed. Daar werd mij de blijde

quot;A. '

X

ocr page 281

NEGENquot; EN TWINTIGSTE- DAG.

„boodschap gebracht door den Aartsengel „Gabriel, daar ontving ik Gods Zoon door „de werking van den Heiligen Geest. Daar „is het Woord vleesch geworden. Na mijn „verscheiden van deze aarde hebben de „Apostelen deze woning, die door zoovele „geheimen werd bevoorrecht, toegewijd aan „den dienst des Heeren en er menigmaal „het H. Misoffer opgedragen. Het altaar, „dat zich daar bevindt en met de woning „werd verplaatst, is hetzelfde, waarop de „H. Petrus het eerst de H. Offerande ver-„richtte. Het kruisbeeld boven het altaar „werd daar door de Apostelen geplaatst. „Het cederhouten beeld werd door den „H. Lucas vervaardigd. Dit huis nu, „waarop de Hemel met welgevallen nederwiet en dat gedurende eeuwen in Galilea „hoog vereerd werd, is nu, dewijl het „Christendom daar ten gronde gaat, naar „hier overgebracht door de macht Gods, „bij Wien niets onmogelijk is. En nu, — „opdat gij getuige en verkondiger van dit „wonder moogt wezen, — word genezen ' „Uwe plotselinge en onverwachte genezing „zal eene bevestiging zijn van al, wat ik u gezegd heb.quot; — De grijsaard ontwaakt, voelt zich geheel hersteld, staat op en snelt naar de plaats, waar de heilige woning staat, om daar in het openbaar het wondervolle voorrecht hem te beurt gevallen, te verkondigen en alles te verhalen, wat Maria hem arezeard had.

K

gt;r

ocr page 282

x K

254 meimaand der genade-oorden,

Reeds stroomden van alle kanten de ge-loovigen heen naar Tersatto; de Prefect der landstreek dacht er reeds aan om het H. Huis op waardige wijze te versieren en had het bereids met een houten gebouw omgeven, toen het, na drie jaren en zeven maanden daar gestaan te hebben, weder werd weggenomen.

Besluit. Vragen wij Maria om in het verrichten onzer goede werken het men-schelijk opzicht te verachten.

X

gt;c

ocr page 283

-X 5'

it*. it* ♦!* dertigste Daij.

iumirtjctini Imn jBaria.

Troosteres der bedrukten, Hoop der hopeloozex.

^■tfat eene zonsverduistering is voor de •Cf;'' aarde, — wat een orkaan is voor den oogst, •— wat de ziekten zijn voor het lichaam, dat is de moedeloosheid of neerslachtigheid voor 'smenschen geest. Zij is als eene verlamming, die de werking der ziel belemmert, — als eene beneveling, die het verstand verduistert, — als eene ijskorst die den wil verstijft, — als eene koorts der verbeelding, die akelige droomen en nare bespiegelingen ten gevolge heeft, — zij is het uur van den vorst der duisternis, waarin de mensch zich zeiven niet meer meester schijnt.

In dezen toestand verkeerde de H. man Job, toen hij wenschte, dat de dag waarop hij geboren werd, nooit was gekomen. Deze was de toestand van Mozes, die het gemor zijns volks moede, gaarne zou gestorven zijn; — van een godvreezenden Ezechias, die bitter weende, toen hij zijn stervensuur zag naderen; — van den braven Tobias, die bezocht door allerlei rampen, aan God vroeg om zijne ziel tot Zich te

X

X

.

ocr page 284

X

256 MEIMAAND DKR GENADE-OORDEN.

nemen; — van den profeet Elias, toen liij zuchtte; „Heer, laat mij s/erven, want ik ben niet heter dan mijne voorvaderenquot;; —• van een koning David, toen hij bad: „Verstoot mij niet in mijnen ouderdom, thans, nu mijne krachten mij begeven, verlaat mij nietquot;'. Ps LXX. 9.

Ziedaar nu een toestand, waarin ook wij kunnen komen, en waarin de steun des Hemels allernoodzakelijkst voor ons is. — Tot wie zullen wij ons dan wenden om bemiddeling tusschen ons en den goeden God, „die ons troost in al onze kwellingquot; ? Tot wie anders, dan tot haar, die is de Moeder der Bar m h a rt i g h e i d, ons leven en onze hoop, tot haar, die door de H. Kerk wordt begroet als de Troos- i teres der bedrukten. Ja, al zou ons zielewee zoo groot zijn, dat wij meenden wanhopig te worden, — de naam van Maria is genoeg om onze borst te vervullen met heldenmoed, om ons op te beuren uit dien schrikbarenden afgrond. Zij weet ons als een nieuw leven te schenken, door ons een onbeperkt vertrouwen op Gods goedheid en barmhartigheid in te boezemen. Honderden bewijzen levert ons daarvan de da-gelijksche zielestrijd en overwinning van zoovelen.

Inderdaad, o goede Moeder Maria, wat zal er van ons komen, indien gij, die het leven en de geest zijt der geloovigen, ophoudt ons te beschermen?

X

xv

ocr page 285

X........— . -X

dertigste dag. 257

Ájcu brr b. .iBaagb.

Maria's zalig verscheiden.

jSR^a de zending van den H. Geest ont-moeten wij de Apostelen nog dikwijls met Maria, de Moeder des Heeren, in hun midden, vergaderd te Jeruzalem.

Het is eene zeer oude overlevering, dat Maria in deze stad, in tegenwoordigheid der Apostelen, overleed. Volgens het algemeen gevoelen van gezaghebbende schrijvers, zoowel van vroegeren als van lateren tijd, neemt men aan, cat Maria den ouderdom van 72 jaren bereikt heeft. — Maria's zending op aarde was vervuld. De ontluikende Kerk had reeds kracht en wasdom genoeg om nieuwe wortelen te schieten.

Werd aan vele Heiligen het uur van scheiden uit deze wereld te voren bekend gemaakt, dan mocht voorzeker Maria, de Koningin aller Heiligen niet door den dood worden verrast. De Engel Gabriel — zoo vermeldt eene overlevering — komt haar veertien dagen voor haar sterven, de tijding brengen, dat zij weldra voor eeuwig met haren goddelijken Zoon zal vereenigd worden in den Hemel. Welk antwoord kunnen wij van de nederigste en heiligste der maagden verwachten dan dat, hetwelk wij reeds bij de Boodschap van haar vernamen: „Z/c de dienstmaagd des Heeren, mij geschiede naar mv woordquot; ?

7. X

Meimaand Genade-Oorden

ocr page 286

258 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

Het laat zich denken wat droevigen indruk deze tijding moet gemaakt hebben op de Apostelen, vooral op den H. Johannes, den getrouwen leerling, die gedurende vier en twintig jaren bij Maria de plaats van Jezus innam, met haar gedurende de vervolging naar Ephese gevlucht was en lief en leed met haar had gedeeld! Wat smartelijke tijding ook voor de heilige vrouwen, Maria's vriendinnen en voor alle geloovigen! — Terwijl allen treurden om het aanstaande afscheid, maakte Maria in opgetogene stemming zich gereed om het tijdelijke te verlaten en het eeuwige te gaan genieten. De legende verhaalt ons, dat zij hare twee kleederen ■— haar eenigen rijkdom — verdeelde tusschen twee heilige arme vrouwen. Meer voorbereiding was voor de onbevlekte Maagd, die geene zonde gekend had, onnoodig.

In statige houding op haar rustbed neerliggende, strekt Maria nogmaals hare handen zegenend over de Apostelen uit, laat ze rustig en eerbiedig nederdalen, beveelt hare ziel in 's Heeren handen en geeft zonder ziekte, zonder lijden, zonder smart, zonder moeite of doodstrijd, in heilige verrukking hare onbevlekte ziel aan haren Schepper over.

Maria is niet dood; zij is overgegaan tot een slaap, zooals met recht Maria's dood door de ouden genoemd wordt. Want ofschoon de vereeniging tusschen ziel en

JC

X

ocr page 287

dertigste uag.

lichaam ook bij Maria verbroken werd, zou toch haar heilig lichaam het bederf niet zien, zoodat Maria's dood veeleer eene zoete sluimering genoemd mag worden. Vandaar die hemelsche vrede, die engelachtige blos, welke zich teekende op het maagdelijk gelaat der Heilige Moeder des Heeren. —■ Toch weenden de Apostelen, nu zij daar dood nederlag, van wie het Leven was uitgegaan; toch kende aanvankelijk de droefheid der Christenen geene grenzen, nu zij hunne Troosteres en hunne Toevlucht verloren hadden. Niet lang zal deze droefheid duren, want de Gever des levens zal het heilig lichaam zijner Dochter weldra in glorie en luister verheffen.

Bemerking. — Maria's woonplaats is de Hemel. De aarde was voor haar een ballingsoord, waarin zij mede voor onze zaligheid heeft willen leven. Dit moet ons tot het besef brengen, dat wij haar wederliefde, eerbied en dankbaarheid verschuldigd zijn.

i|)ct Ujriiio Uiuid ban TJa.virctlj,

THANS VEREERD TE LORETO IN ITALIË. ( Vervolg.)

®Se tweede veq^laatsing van het H. Huis ffÉf geschiedde onder de volgende omstandigheden.

In den nacht van den ie6'1 December

259

ocr page 288

gt;1

260 MEIMAAND DICR GENADE-OORDEN.

des jaars 1294 hielden eenige herders de wacht bij hunne kudden in de nabijheid van een overoud bosch, dat in eigendom toebehoorde aan eene aanzienlijke vrouw van Recanati in Italië, Laureta genaamd. Omstreeks drie uren na middernacht bemerkten deze herders een ongewoon, helder glanzend licht boven en in het woud.

Door nieuwsgierigheid gedreven drongen zij het bosch binnen, en wie schetst hunne verbazing, toen zij daar, midden in het bosch, op eene plek, waar nog nooit een huis gestaan had, eene woning aantroffen. Sommigen van hen hadden hoog in de lucht boven de zee reeds een licht zien schitteren en meenden daardoor de richting te kunnen aanwijzen, vanwaar het geheimzinnig huis gekomen was.

Toen meerdere personen door denzelfden lichtglans getrokken, van verschillende zijden bijeengekomen waren, besloten zij in vol vertrouwen op Gods goedheid het Heiligdom eerbiedig binnen te treden en het overige van den nacht daarin biddende door te brengen.

Bij het krieken van den dag spoedden zij zich naar de stad, waar men in het eerst aan hun verwonderlijk verhaal geen geloof sloeg. Ten laatste werd besloten een onderzoek op de plaats zelve te gaan instellen. Hoe werden zij daar door bewondering en eerbied aangegrepen bij het zien van dat vreemde huis, uit onbekende

X X

'

ocr page 289

X

DERTIGSTE DAG.

201

steensoort opgetrokken, van die ongeschonden muren, die daar zonder fundamenten en zonder vloer op den ongelijken bodem rustten, van het kleine altaar met zijn Grieksch kruisbeeld en van het beeld der H. Maagd met haar goddelijk Kindje vol minzaamheid en liefde op den arm. Verwonderd zagen zij elkander aan; allen erkenden, dat de vinger Gods hier werkzaam was, dat het kleine huis niet door menschenhanden daar was nedergezet, en aan menig hart ontwelde een traan van dankbare aandoening. Niemand wist evenwel welk huis dat «'as, van waar het kwam, hoe en om welke reden het daar eene plaats gevonden had. Gelijk weleer aan den pastoor van Tersatto, zoo verscheen Maria nu ook, in denzelfden nacht der overbrenging van haar huis, aan twee dienaren Gods, hun verklarende, dat het huis door haar te Nazareth bewoond, door de Engelen was overgedragen. Een dier mannen was de H. Nicolaas van Tolentijn, een sieraad van de Orde der Augustijnen, die te Recanati woonde; de andere was broeder Paulus van het woud, een kluizenaar, die in de nabijheid een heilig leven leidde. Spoedig was de tijding der wondervolle gebeurtenis verspreid en overal en door iedereen hoorde men spreken over het woud van Laureia en het Heilig Huis van Nazareth. Zoowel bij nacht als bij dag trokken tal van geloovigen van allerlei

ocr page 290

x.

262 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

leeftijd en stand naar het Heiligdom om met lof- en dankliederen den God des Hemels te prijzen voor het groote voorrecht hun geschonken.

De oude vijand van God en de menschen sliep evenwel niet; het duurde niet lang of onder satanischen invloed vestigde zich in de nabijheid van het Heiligdom eene bende roovers, die de godvruchtige pelgrims aanhielden, beroofden, en zelfs vermoordden. Dientengevolge dorst weldra niemand meer het Heiligdom bezoeken, zoodat het spoedig bijna geheel verlaten was. Slechts acht maanden bleef het Heilig Huis in het woud van Laurefa; toen werd het door Gods beschikking ten derden male op wonderbare wijze overgebracht naar een zacht glooienden heuvel, op ongeveer duizend schreden van het woud, die toebehoorde aan twee broeders van Reca-nati. De toeloop van geloovigen werd nu nog grooter dan te voren. Doch helaas! van de vele geschenken, welke de milddadige pelgrims aanbrachten voor het H. Huis, wilden de hebzuchtige broeders zich eene bron van inkomsten vormen. Er ontstond dientengevolge verdeeldheid onder hen, en weinig scheelde het, of sr was broederbloed gevloeid in de nabijheid van het Huis, waar alle menschelijke boosheid zwijgen, alle haat in liefde veranderen moest.

Gods lankmoedigheid was ten einde, en nu werd het H. Huis ten vierden male

-sK

ocr page 291

dertigste dag.

overgebracht naar een anderen bevalligen heuvel, buiten het landgoed der broeders gelegen, nauwelijks een boogscheut van de vorige plaats verwijderd. Thans staat het Heiligdom midden op den openbaren weg, ongeveer twee duizend passen van de zee. -— Deze laatste overbrenging had volgens het algemeen gevoelen plaats op de Vigilie van O. L. Vr. Geboorte, den 7den September 1295.

Besluit. Knielen wij in den geest neder in het heiligdom van Loreto en vragen wij de genade om al onze goede werken zoo volmaakt mogelijk te verrichten.

263

lt; X

K

ocr page 292

aC__________

♦t? *?!•■ *?*

■£^vg.il/.vg-.£y^ ,

O-ini cn bcrtiiTStc ^an.

i'voatljcbcn Uan JlSaria.

Zij is eer ent glorie waardig.

^■0ij zijn aan Maria overgroote liefde -Efi' verschuldigd; doch nooit mogen wij uit het oog verliezen, dat een ieder, wie hij ook zijn moge, ook verplicht is Maria, de Moeder Clods, te eeren.

Zij toch wordt door de H. Kerk genoemd de eerwaardige en lofwaardige Maagd.

Het moet ons niet genoeg zijn, alleen in ons hart de H. Maagd hoog te achten en te beminnen, wij moeten ook naar best vermogen medewerken tot de uitwendige vereering van Maria, hetzij door het bijwonen van godvruchtige oefeningen haar ter eere gehouden, hetzij door in de kerk of te huis bij te dragen tot de versiering harer beeltenis, of eindelijk door deel te nemen aan de plechtige bedevaarten, die alom naar Maria's genade-oorden ondernomen worden. — Een waar vereerder van Maria vindt immer tijd en gelegenheid om op deze of andere manieren tot Maria's openbare vereering mede te werken, en aldus, zoo niet door woorden, dan toch door daden Maria's lof te verkondigen.

ocr page 293

X x.

-X

een en dertigste dag.

Onze leuze moge dan wezen: „U w lof, — o Maria! — zal niet wij ken uit den mond der m e n s c h e n; alle s tot glorie van God en ter eer e van Maria.quot; (Vgl. Judith, xm. 26.)

%clicn brr .iHaaijb.

Hemelvaart van Maria.

(fi*'een enkel teeken des doods mocht het igP maagdelijk lichaam van Maria, waarin de Zoon Gods gewoond had, ontsieren : het rustte als in de zachte en vreedzame sluimering van den zoetsten slaap, terwijl het van hoogeren glans schitterde, dan toen de ziel het bewoonde.

De Apostelen en leerlingen, ofschoon het geleden verlies betreurend, begrepen al ras, dat bij het sterfbed der onbevlekte Moeder Gods veeleer welluidende jubeltonen, dan droevige klaagliederen moesten worden aangeheven.

Zooals de H. Hieronymus zegt, deed geheel de hemelsche legerschaar bij het kostbaar overschot der Moeder Gods zegeliederen hooren, wier verrukkende tonen door alle aanwezigen gehoord werden.

26q

De geloovigen brachten welriekende reukwerken en fijne linnen doeken aan om de Koningin der maagden naar oostersche wijze te balsemen en te begraven. Doch meer dan deze reukwerken verspreidde het

'X

gt;c

ocr page 294

266 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

heilig lichaam zelf een alleraangenaamsten geur, die geheel de zaal vervulde. Met den meesten eerbied legde men het lichaam der H. Maagd, in een sneeuwwit kleed gehuld, op eene draagbaar, — en nu bewoog de lijkstoet zich statig en ingetogen naar Gethsemane. De eerste Paus, de eerste Bisschoppen en Leeraars en alle geloovigen maakten deel uit van den stoet, terwijl zij, met brandende fakkels in de hand, hunne stemmen paarden aan de lofzangen der Engelenkoren, die door het luchtruim weerklonken. — Den derden dag, dat Maria in het graf was gelegd, terwijl de Apostelen er nog beurtelings de wacht bij houden, maar het engelengezang heeft opgehouden, —• zie, daar nadert ook de H. Thomas, wiens gelaat verschroeid is dooide zonnehitte en overdekt met het zweet van het verre Indië, het oord zijner prediking. Hij wilde nogmaals de Moeder zijns Meesters vereeren. Doch Maria is reeds ontslapen en haar graf met den zwaren sluitsteen gesloten. •—• Op aandringen van Thomas wordt de steen weggen amen. — Welk verbazend schouwspel! Zij vinden een ledig graf; alleen de linnen doeken, waarin het lichaam gewikkeld was, en die nu een allerheerlijksten geur verspreiden, zijn overgebleven. — Is het te verwonderen, dat de Apostelen tot het besluit komen, dat Hij, —- die het Woord des Vaders is en de Koning der glorie, die uit Maria

X

ocr page 295

si-

een en dertigste dag. 267

zijn lichaam heeft aangenomen en haar immer ongeschonden heeft bewaard, — ook na den dood haar van het bederf heeft bevrijd en gewild, dat het maagdelijk lichaam zijner Moeder spoedig in de eeuwige heerlijkheid harer heilige ziel zou deelen ? — Inderdaad, dit is de leer dei-Kerk, -—• welke wij niet zonder roekelooze dwaling kunnen verwerpen,—dat het lichaam van Maria door de Engelen is opgenomen ten Hemel, en daar met hare ziel lof en eer in eeuwigheid ontvangt.

Bij hare intrede in het verblijf der zaligen wordt zij door den Almachtigen Drieeenigen God ontvangen en gekroond met den glorieglans, die van alle eeuwen voor haar bereid is.

Daar zetelt zij, aan de rechterhand van haren Zoon, boven de koren der Engelen verheven, als Koningin van Hemel en aarde. Op haar gebed verandert de toorn des Heeren in barmhartigheid, — op haar woord snellen de Engelen hare beschermelingen te hulp, — op haar verzoek worden de rampen van het menschdom afgeweerd, — door haren bijstand wordt de duivel machteloos, de hel gesloten en de Hemel voor ons geopend. Het zij zoo!

Bemerking. — Maria, is in den Hemel, zoolang de wereld zal bestaan, de toevlucht der zondaren, de troost der bedrukten, de sterkte der zwakken, het heil der kran-ken, de beschermster der volkeren, de

ocr page 296

208 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

weldoenster van allen. Zij verkrijgt alles, wat zij vraagt, en wordt daarom terecht door den H. Bernardus genoemd; de smee-kende almacht. Welaan, godvruchtige vereerder of vereerster van Maria, bid, bid, bid, en door Maria's hulp wordt gij zalig.

Üct tJcilio ïjuio luin .n.i.sarrtl],

THANS VEREERD TE LORETO IN ITALIË.

{Sloi.)

amfellicht is de godvruchtige lezer ver-•è^\i langend te weten, welke de tegenwoordige toestand is van het H. Huis. Wij zullen trachten aan zijn verlangen te voldoen, met in korte woorden eenig denkbeeld te geven van het Heiligdom, zooals het tegenwoordig bestaat.

Het Heilig Huis is thans geplaatst onder den achtzijdigen koepel eener kunstig gebouwde basiliek. Evenals eene reliquie in haar schijn bewaard wordt, zoo is de Casa Santa bedekt met eene bekleeding van marmer. Welke aandoening den ge-loovigen pelgrim aangrijpt, wanneer hij daar voor zijne oogen het heiligdom ziet, waar hei Woord is vleesch geworden, waar het H. Huisgezin gewoond heeft, laat zich beter denken dan beschrijven. De H. woning is een langwerpig vierkant gebouw van ongeveer g'/s bij 4 Meter. De muren rusten zonder fundamenten op den lossen

ocr page 297

EEN EN DERTIGSTE DAG.

en oneffen bodem en steunen ook niet tegen het marmeren omkleedsel.

In den westelijken muur bevindt zich het eenige venster, gewoonlijk het venster des Engels genaamd; de Engel Gabriël zou door dit venster het heilig verblijf zijn binnengetreden. Boven dit venster hangt het Grieksch kruis, waarvan reeds vroeger sprake was. Meer dan eene poging werd aangewend, om dit kruis op eene andere eervolle plaats te brengen, maar telkens werd het op geheimzinnige wijze weder in de heilige woning terug gebracht. •— De zuidelijke wand prijkt nog met de overblijfselen eener fresco-schildering van gewijde tafereelen. —■ Ongeveer vier voet van den oostelijken muur staat het tegenwoordige altaar, dat het oude, hetwelk tegelijkertijd met het H. Huis van Nazareth werd overgebracht, omsluit. Niet ver van de evangelie-zijde des altaars wordt onze aandacht getrokken door eene tamelijk groote kast. Deze dient tot bewaring der kleinere kast, waarin nog twee komvormige schalen van gebakken aarde worden bewaard, die ten tijde, dat het H. Huisgezin leefde, in gebruik waren. Achter het altaar komen wij in de ruimte, welke genoemd wordt Sacro Camino, heilige haard; — wij bevinden ons in het eetvertrek der H. Familie. Hier mogen wij ook de heilige schaal vereeren, die door bijzondere bescherming Gods is ontkomen aan de handen

269

x gt;r

%

ocr page 298

270 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

der roovende benden, die het H. Huis in den loop der tijden geplunderd hebben. Voorwaar een onschatbaar overblijfsel van het huisraad der Heilige Familie! Onze ruimte laat niet toe om eene nadere beschrijving te geven van het beeld zelf van O. L. Vr. van Loreto. (•) Alleen zij hier nog gewezen op het rijk geborduurd gewaad, waarin de beelden van Maria en het goddelijk Kind bijna geheel verdwijnen, en dat van boven tot beneden is bezet met kostbare edelgesteenten en verschillende glanzende sieraden, even zoovele bewijzen van dankbaarheid en kinderlijke liefde jegens Maria.

Het is een voorrecht, niet aan allen gegeven, te mogen gaan neerknielen binnen de heilige wanden van het H. Huis, waar zoo groote geheimen hebben plaats gehad en waar Maria zoo overvloedige zegeningen en genaden uitdeelt; doch, godvruchtige lezer, moet gij dat voorrecht missen en een te groote afstand u scheiden van dit heilig verblijf, — kniel dan met een levendig geloof en een onbegrensd vertrouwen op Gods barmhartigheid en de voorbede van Maria, in den geest voor het heilig Huis ■ van Loreto neder. God, die den wil aanneemt voor de daad, zal u — gij moogt

(') Vgl. bl. 253.

X gt;c

X'

ocr page 299

.X ïC

een en dertigste dag. 27 i

het met grond vertrouwen — geen enkele der gunsten onthouden, welke gij te Lo-reto komend, zoudt hebben verkregen.

Besluit. Knielen wij in den geest neder voor het beeld van Onze Lieve Vrouw van Loreto en vragen wij en beloven wij, altijd in den dienst van Maria te volharden. Vragen wij haar tevens de genade van eene steeds aangroeiende liefde en inniger godsvrucht jegens haar, opdat ook in ons bewaarheid worde: Een waar kind van Maria gaat niet verloren!

X gt;c

X

ocr page 300

-T-

AaAAAAAAA^*/

a?clicbcn anöcr öc Ï). JHut.

VOORBEREIDING.

In den naam des Vaders en des Zoons en des H. Geestes. Amen.

Dc priester gaat naar het altaar.

Jezus gaat naar den hof van Olijven.

}W)m U, o mijn God, den verschuldigden s5k dank te brengen, wil ik bij deze heilige Offerande der Mis tegenwoordig zijn.

Gedoog, o mijn Verlosser en Zaligmaker, die U hier door den priester aan uwen Hemelschen Vader gaat opdragen, dat ik mij met U vereenige. Ik draag deze H. Mis op tot erkentenis van Gods opperheerschappij over alle schepselen, — tot dankzegging voor al zijne weldaden, — tot voldoening voor alle zonden, —• en om nieuwe weldaden van Hem te verkrijgen, zoo voor mij als voor allen, die mij dierbaar zijn.....

H.Maria, geef dat ik bezield zij met dezelfde gevoelens als gij, toen g.j op den berg van Calvarië bij den kruisdood van uwen Zoon tegenwoordig waart.

X X!

X

ocr page 301

GEBEDEN ONDER DE H. MIS.

De' priester bidt aan den voet van het altaar en belijdt zijne zonden.

Christus bidt, en zweet vjater en bloed.

ga-et i.s niet noodig, o mijn Clod, dat ik m mijne zonden voor U belijde: Gij weet immers veel beter dan ik zelf, aan hoe groote en menigvuldige zonden ik mij heb plichtig gemaakt. Toch wil ik, om mij zeiven te vernederen, hier openlijk eene droevige bekentenis mijner zonden afleggen.

In tegenwoordigheid van hemel en aarde belijd ik, dat ik U grootelijks beleedigd heb door gedachten, woorden en werken, en de eeuwige straften der hel verdiend heb door mijne schuld, mijne schuld, mijne allergrootste schuld. Heer! verhoor mijn gebed om vergiffenis mijner zonden door de verdiensten van Jezus' lijden en dood.

Heilige Maria, Toevlucht der zondaren, alle Heiligen des Hemels, bidt voor mij bij den Vader der barmhartigheden.

De priester gaat op, kust het altaar, leest den Introïtus en- Kyrie c lei son.

Jezus wordt door Judas verraden, en gevankelijk weggevoerd.

flil'eer Jezus Christus, die, in het volle lt;sïiigt; bewustzijn uwer onschuld, uwe vijanden in den hof van Olijven onverschrokken te gemoet zijt gegaan; geef, dat ik op uwen

273

Meimaand Genade-Oorden.

X Kr

iS,

ocr page 302

.K X

274 MEIMAAND DKR GEXADE-OORDEN.

bijstand vertrouwe, wanneer de vijanden mijner zaligheid mijne ziel aanvallen, om haar in de boeien der zonde te slaan.

O machtige God, sta ons bij! Wij kunnen alles, indien Gij ons versterkt! -— O Christus, Zoon van den levenden God, versterk ons door de gedachte aan uw heilig lijden. — ü Heilige Geest, vervul de harten uwer geloovigen, en geef dat wij in de hevigheid van den strijd ons over uwe vertroosting mogen verheugen.

Zoet Hart van Maria, wees mijn heil.

(300 dagen aflaat. 30 Sept. 1S52.)

Dc priester bidt {of sing/) „Gloria in exselsisquot;, ccn jubellied. (')

Herinner n de blijdsehap der Joden bij Jezus1 gevangenneming.

glorie aan God in den hooge, en vrede

üjv op aarde aan de menschen van goeden wil! Wij loven U; wij prijzen U; wij aanbidden U; wij verheerlijken U; wij danken U, om uwe groote glorie, Heer God, Hemelsche Koning, God, Almachtige Vader; Heer Jezus Christus, Eeniggeboren Zoon des Vaders. Die wegneemt de zonden der wereld, ontferm U onzer. Die wegneemt de zonden der wereld, neem onze smeeking aan. Die aan de rechterhand des Vaders gezeten zijt, ontferm U

{1) Deze vreugdezang wordt somiijds weggelaten.

ocr page 303

X quot;

GEBEDEN ONDER DE H. MIS. 275

onzer. Want Gij alleen zijt de Heilige, Gij alleen de Heer, Gij alleen de Allerhoogste, Jezus Christus. .Met den H. Geest, in de glorie van God den Vader. Amen.

G e b e d.

Liefdevolle God, geef mij de genade om altijd tot uwe eer te spreken, — mijne tong nooit te misbruiken tot godslasteringen, onzuivere en ergerniswekkende gesprekken, opdat ik U in alle eeuwigheid lof en dank moge brengen.

Dc priester zegt: „Dominus vobisciimquot;.

Jezus ontmoet Petri's.

Laat ons bidden :

(peef ons, o Heer, door de voorspraak der fff H. Maagd en der Heiligen, die wij eeren, al de genaden, welke uw dienaar, de Priester, U vraagt voor zich zeiven en voor ons. Ik vereenig mij met hem en stort hetzelfde gebed voor allen, voor wie ik verplicht ben te bidden, en ik vraag U voor hen en voor mij al de genademiddelen, welke gij weet, dat wij noodig hebben, om het eeuwig leven te bekomen, in den naam van Jezus Christus, onzen Heer.

H. Maria, Moeder der Smarten, geef tranen aan mijne oogen om evenals Petrus er over te weenen, dat ik zoo menigmaal het gevaar bemind heb. Amen.

%

ocr page 304

5C

X.

276 MKIMAAXD DER GENADE-OORDEN.

De priester leest {of zingt) den Epistel.

Jezus naar Pilatus gevoerd.

/2,'oede God, boven zoovele duizenden hebt Hr gij mij tot de kennis uwer heilige wet geroepen. Ik beloof U, dat uwe heilige geboden immer het richtsnoer zullen zijn van al mijne handelingen, dat ik met eerbied en onderwerping uwe zalige ingevingen zal volgen, en zal beminnen wat Gij gebiedt, haten wat Gij verbiedt.

De priester buigt zieh voorover en leest (of zingt) het Evangelie.

[eztis door Her odes bespot en naar Pilatus teriiggebraeht.

S^Cu komt mij, o mijn God, uw Eenige Zoon zelf mijne plichten voorhouden; het woord des Evangelies is Z ij n woord. Maar wat zal het mij baten het woord des Heeren aangehoord en geloofd te hebben, indien ik niet volgens dat woord leef? Wat helpt het mij het ware geloof te hebben, indien ik niet door mijne goede werken, door het dikwerf ontvangen der Heilige Sacramenten aan de verdiensten van uwen Zoon deelachtig word? Inderdaad, hoe dikwijls heb ik geleefd, alsof ik niet geloofde, of een ander Evangelie dan het uwe erkende!

Oordeel mij niet, o God, volgens uwe gestrenge rechtvaardigheid, en geef, dat ik mijn geloof ook door de daden toone.

A X'

X

ocr page 305

X

GEBEDEN ONDER ]gt;E H. 3I[S. 277

Dc priester bidt {of zingt') „Credoquot;. (})

Christus voor Pilatns.

^T;k gelootquot; in éénen (iod, den almachtigen Üt Vader, Schepper van hemel en aarde, van alle zichtbare en onzichtbare dingen. En in éénen Heer Jezus Christus, Gods Eengeboren Zoon; en uit den Vader vóór alle eeuwen geboren; (lod van God, licht van licht, waarachtig God van den waar-achtigen God; geboren en niet gemaakt, van ééne zelfstandigheid met den Vader, door wien alles gemaakt is. Die om ons, menschen, en om onze zaligheid is nedergedaald van den Hemel. En is Vleesch geworden door den H. Geest, uit de Maagd Maria-, En is Mensch geworden. Hij is ook gekruist voor ons onder Pontius Pilatus, Hij heeft geleden en is begraven; en Hij is ten derden dage verrezen volgens de Schriften; en Hij is opgeklommen ten Hemel ; zit aan de rechterhand des Vaders; vandaar zal Hij wederkomen in glorie, om te oordeelen de levenden en de dooden; wiens rijk geen einde zal hebben.

Ik geloof in den H. Geest, den Heere en levendmakende, die uit den Vader en den Zoon voortkomt; die met den Vader en den Zoon te zamen aangebeden en mede verheerlijkt wordt; die door de Profeten gesproken heeft.

„Ik geloof.quot;

ocr page 306

278 meimaand der genade-oorden.

En ééne heilige, katholieke en aposto-lieke Kerk. Ik belijd één doopsel ter vergeving der zonden. En ik verwacht de verrijzenis der dooden en het leven der toekomende wereld. Amen.

De Offerande.

De priester ontdekf den kelk, — offert j en zegent brood en wijn — en bedekt weder I den kelk met den pal las.

Jezus wordt ontkleed, gegeeseld en met doornen gekroond.

«P^Tog enkele oogenblikken, o Hemelsche Vader, en het brood en de wijn, die U door den priester worden aangeboden, zullen door de woorden der H. Consecratie ! veranderd worden in liet Lichaam en Bloed van Jezus Christus. Deze, uw welbeminde ' Zoon, zal zich opnieuw aan U opdragen, ; om ons aan zijne verdiensten deelachtig i te maken. — In vereeniging met Hem, offer ik U deze H. Mis op om voor mij, mijne naastbestaanden, mijne weldoeners en vrienden alle genaden en weldaden te bekomen, zoo naar ziel als naar lichaam. Deze genaden kunnen ons niet gegeven worden, dan door de verdiensten van Christus. Gij, o Heer, kent al onze ellenden; gij weet, welke gevaren wij het meest moeten vluchten, welke deugden voor ons het meest noodig zijn. Vergeet ook, o barmhartige God, uwe en mijne vijanden metl Heb medelijden met alle ongeloovigen, ketters

gt; /

ocr page 307

GEBKDE1S' ONDER ]jE H. MIS. 279

en zondaars; zegen allen, die mij haten, en vergeef mij en allen onze zonden, Amen.

Dc priester waschf zijne handen.

Christus wordt door Pilatns nogmaals onschuldig verklaard.

Mp) mijn God, hoe menigmaal heb ik mijne %ƒ zonden willen verontschuldigen, evenals de ongelukkige Pilatns. Help mij. om dit nooit meer te -doen, en vooral wanneer ik het H. Sacrament der Biecht ontvang, met een oprecht en nederig hart mijne zonden te belijden.

Neen, mijn God, liever sterven, dan eene groote zonde in de Biecht te verzwijgen!

De priester naar het volk gekeerd, zegt : „O ra te fra tres.quot; (1)

Jezus wordt aan het volk vertoond, ter-| wijl Pilatus zegt: „Eeee homoquot;, „Ziet den i menschquot;.

; ^f.iieve Jezus, hoe aandoenlijk moet het ; ■Tzï tooneel zijn geweest, toen Gij met ■: doornen gekroond, met een purperen man-i tel omhangen, door Pilatus aan het volk j werd, voorgesteld! En toch bleven de Jo-\ den in hunne versteendheid volharden! j Geef, dat, indien ik onverhoopt in zonde mocht vallen, ik toch aanstonds er uit

(l) Bidt broeders, opdat onze offerande aangenaam zi).

ocr page 308

2 8o MKIlIAANn I gt;KR GENADE-OORDEN.

moge opstaan en boetvaardigheid doen, en niet in vijandschap met U blijve voortleven.

De priester bid/ (pf zingt) de Praefatie.{})

Christus ter dood veroordeeld.

oogenblik, waarop de Koning des lt;Silv Hemels op het altaar komt, is nabij.

Vervul, o Heer, mijn hart, opdat het alléén aan U denke en alle aardsche zorgen late rusten. Ik gevoel mij verplicht om U, den Schepper van hemel en aarde, den oneindigen, almachtigen en eeuwigen (rod, te loven en te danken. Niets is redelijker, niets is heilzamer voor mij dan mij met Jezus te vereenigen om der allerheiligste Drievuldigheid toe te zingen : Heilig, heilig, heilig is de Heer, de God der Heerscharen ! Hemel en aarde zijn vol van uwe heerlijkheid. Hosanna in den hoogel Gezegend Hij, die komt in den naam des Heeren 1 Hosanna in den hooge!

De Canon. (2)

JJe priester buigt zich een oogenblik voorover.

Jezus draagt zijn kruis.

j^j/rij smeeken U ootmoedig en vurig, o 'C?' goedertierenste Vader, door Jezus

(1) üeteekent voorbereiding tot de H. Consecratie.

(2) Canon = regel, omdat dit gedeelte (van (Sanctus tot Xutting) in den regel hetzelfde blijft in alle Missen, terwijl in andere gedeelten dei-Mis vaak eene aanmerkelijke verandering voorkomt.

ocr page 309

.1^ ^

GEBEDEN ONDER DE H. MIS.

Christus, uwen Zoon, onzen Heer, de Offerande gunstig aan te nemen en te zegenen, welke wij U opdragen voor de geheele Katholieke Kerk, cpdat het U believe haar te bewaren en te besturen, met onzen H. Vader den Paus, onzen Bisschop en allen, die het ware geloof belijden.

Wij bevelen U in het bijzonder allen aan, voor wie wij verplicht zijn te bidden: onze ouders, bloedverwanten, vrienden, weldoeners, ook onze vijanden niet uitgesloten, en al degenen, voor wie de priester de H. Mis opdraagt en de zieken, voor wie ons gebed verzocht is. Moge ons gebed U aangenaam zijn; dit vragen wij door de voorspraak der allerheiligste Maagd, van de HH. Apostelen en Martelaren en van alle Heiligen.

De priester strekt zijne handen uit over het brood en den wijn.

Jezus wordt gekruisigd.

ipie mij hier neergeknield, o hemelsche quot;ft' Vader, om bij het onbloedig Sacrificie der Nieuwe Wet tegenwoordig te zijn. Ik bid en smeek U nogmaals uit den grond van mijn hart, medelijden te hebben met mij, armen zondaar, en mij de genade te geven aan de verdiensten van den ge-kruisten Jezus deelachtig te worden.

K X'

X

ocr page 310

gt;c

282 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

De H. Consecratie.

Jezus sterft aan het kruis.

Sluif nw kerkboek, bid met den meesten eerbied cn het grootste vertrouwen om al ivat gij unit verkrijgen voor levenden en dooden.

Bij de opheffing der H. Hostie en van den Kelk, zeg telkens:

ivp.amp;am Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, spaar ons, Heer.— verhoor ons, Heer, — ontferm U onzer.

Na de Consecratie bidt de priester in \ stilte.

Jezus wordt beweend.

(geloofd en gedankt zij ten allen tijde het — allerheiligste en goddelijk Sacrament.

(100 dagen aflaat onder iedere Mis.

7 December 1819.)

Eeuwige Vader, ik offer U het allerkostbaarst Bloed van Jezus Christus, tot voldoening mijner zonden en voor de behoeften der Heilige Kerk.

(100 dagen aflaat, telkens. 22 Sept. 1S17,)

Zie, o Hemelsche Vader, op het altaar neder, waar Jezus, uw welbeminde Zoon, zich voor onze zonden opdraagt, en wees onzer om zijnentwil genadig. — Ja, hier is oneindig meer dan al de offeranden van

gt;c

ocr page 311

ÜÜ----1

GEBEDEN ONDER DE H. MIS. 283

uwen deugdzamen dienaar Abel, van den geloovigen Abraham, van den Hoogepries-ter Melchisedech; hier is de eenige offerande, die U kan behagen, onze Heer Jezus Christus. Wij smeeken ü deemoedig, dat deze heilige offerande ons allen heilzaam moge zijn en ons vergiftenis onzer zonden en nieuwe genaden moge verkrijgen.

Gedenk ook, o Heer, de zielen uwer dienaren en dienaressen, die ons in het H. Geloof zijn voorgegaan, als oprechte Christenen zijn gestorven en nu uwe barmhartigheid zoozeer noodig hebben; gedenk de zielen in het Vagevuur, vooral die mijner ouders, mijner bloedverwanten, vrienden en vijanden en ook die, voor welke door den priester onze gebeden zijn verzocht.

Genadige God, heb medelijden met haar, opdat zij spoedig met de Engelen en Heiligen des Hemels U eeuwig lof en dank mogen brengen. Amen.

De priester bidt (of zingt) „Pater nosterquot;. (!)

De zeven woorden van Jezus aan het kruis.

rj|?j;.linachtige, eeuwige God! Gij hebt ons door uwen Zoon geleerd, hoe wij moeten bidden; vol vertrouwen op zijne verdiensten durven wij zeggen : Onze Vader die in de hemelen zijt, enz.

{1) „Onze Vader.'

ocr page 312

._X

284 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

Dc priester breekt dc TI. Hostie en laat — na „Pax Dominiquot; (!) -— een gedeelte in den Kelk vallen.

De ziel Tan Christus, met de Godheid vereenigd, daalt neder in het voorgeborgte der hel.

Heer, verlos ons, bidden wij U, van v-y alle kwaad, dat verleden, dat tegenwoordig, dat nog aanstaande is; en verleen ons door de voorspraak van de zalige en roemwaardige Moeder Gods Maria, altijd Maagd, van de HH. Apostelen Petrus en Paulus en Andreas en alle Heiligen genadig vrede in onze dagen, opdat wij door den bijstand uwer barmhartigheid geholpen, te allen tijde vrij mogen blijven van zonden en van alles, wat onzen vrede zou storen. Door denzelfden Jezus Christus, onzen Heer, uwen Zoon, die met U leeft en heerscht van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

De priester bidt „A^nus Dei.quot; (!)

Christus wordt als de Zoon Gods erkend.

.•tj- ^am Gods, voor mij geslachtofferd, wees mij genadig.—Aanbiddelijk offer mijner zaligheid, maak mij zalig. — Goddelijke Middelaar, verwerf mij genade bij uwen Vader en geef mij uwen vrede.

(1) „De vrede de.s Heeren zij altijd met uquot;.

(2) „Lam Godsquot; enz.

X

X

r

ocr page 313

______________________üNt

gebeden oxder de h. mis. 285

De Nutting.

Dc pries/er onfvangf de H. Communie onder de gedaanten van brood en wijn.

Christus wordt begraven.

Ti?) nl\)n liefderijke Zaligmaker, wat geluk zou het voor mij zijn, indien ik aan dezen heiligen Maaltijd kon deelnemen en met een zuiver geweten en eene teedere godsvrucht tot de H. Tafel kon naderen. Het spijt mij, dat ik dit nu niet doen kan. Ik bid U evenwel, mij aan de uitwerkselen der H. Communie deelachtig te maken; verlos mij van mijne zonden, ondersteun mij in mijne zwakheid en geef, dat ik mij nooit meer van U scheide.

O lieve Jezus I de H. Communie des priesters herinnert mij aan uwen dood, maar doet mij ook gedenken, dat ook ik eenmaal zal sterven; wanneer? hoe? waar ? —Ik weet het niet; zal ik de laatste heilige Sacramenten, de Hiecht, de H. Communie en het Heilig Oliesel ontvangen ? Het is mij niet bekend. In al deze onzekerheden, vraag ik U, om mijn God, om een zalig afsterven; geef, dat ik de laatste HH. Sacramenten met volle kennis moge ontvangen en in vol vertrouwen op uwe oneindige goedheid en barmhartigheid het huis mijner eeuwigheid moge ingaan.

Dit vraag ik U door de voorspraak van uwe H. Moeder, van uwen Voedstervader den H. Jozef en van de H. Barbara.

X

ocr page 314

-X X

X

286 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

Ziel van Christus, heilig mij.

Lichaam van Christus, maak mij zalig.

Bloed van Christus, verzadig mij.

Water van Christus' zijde, reinig mij.

Lijden van Christus, versterk mij.

O goede Jezus, verhoor mij.

Laat niet toe, dat ik van Ü gescheiden worde.

Tegen den boozen vijand, verdedig mij.

In het uur van mijnen dood, roep mij.

Doe mij dan tot ü komen.

Opdat ik met uwe heiligen U love,

In de eeuwen der eeuwen. Amen.

(300 dagen aflaat telkens. Xa de H. Communie omvangen te hebben: 7 jaar; en voor die het dagelijks bidden eens in de maand een vollen aflaat, op de gewone voorwaarden, mits men ook kerkbezoek daarbij voege.)

jP os /com m unie (1) en Laats le Gebeden.

Christus verrijst en onderricht zijne Apos te ten.

Den derden dag na uwen dood, o Jezus, zijt (jij glorievol uit uw graf opgestaan. In de veertig dagen na uwe verrijzenis hebt Gij groote waarheden, die wij anders niet zouden kennen, aan uwe leerlingen verklaard, en verschillende HH. Sacramenten ingesteld. Geef, dat wij de verhevene waarheden van onzen H. Godsdienst immer met een geloovig hart aannemen, en de HH. Sacramenten altijd met de vereischte gesteltenis mogen ontvangen.

X »

X

.

1

Gebed na de Communie.

ocr page 315

GEBEDEN ONDER DE H. MIS. 287

missa csiquot; (') en zcgcu.

Hemelvaart van Jezus.

Zegen, o Heer, de goede voornemens gemaakt door mij en allen, die hier tegenwoordig zijn; zegen mijne dierbare ouders en bloedverwanten, den Paus, de Bisschoppen en alle priesters, zegen ook de zielen in het vagevuur; dit vraag ik U in den naam des Vaders en des Zoons en des H. Geestcs. Amen.

Hei laaisie Evangelie.

Zending van den H. Geest.

Begin van het H. Evangelie volgens Johannes.

In den beginne was het Woord en het Woord was bij God en het Woord was God. Dit was in den beginne bij God. Alle dingen zijn door Hetzelve gemaakt, en zonder Dat is er niets gemaakt van hetgeen er gemaakt is. Daarin was het leven, en het leven was het licht der menschen; en het licht schijnt in de duisternissen en de duisternissen hebben het niet begrepen. Er was een mensch van God gezonden, wiens naam was Johannes. Deze kwam tot getuigenis, om getuigenis van het licht te geven, opdat allen door hem gelooven zouden. Hij zelf was het licht niet, maar 0111 getuigenis van het licht te geven. Dit was

(1) Gij kunt gaan, het Offer is volbracht.

K X'

ocr page 316

288 meimaand der genade-oorden.

het waarachtige licht, hetwelk allen mensch verlicht, die in deze wereld komt. Hij was in de wereld, en de wereld is door Hem gemaakt, en de wereld heeft Hem niet gekend. Hij kwam in zijn eigendom, doch de zijnen hebben Hem niet aangenomen, maar allen, die Hem aangenomen hebben, heeft Hij macht gegeven om kinderen Gods te worden; dengenen, die in zijnen Naam gelooven, die niet uit den bloede, noch uit den wille des vleesches, noch uit den wille des mans, maar uit God geboren zijn. En het Woord is vleesch gc-ïvorden en Het heeft onder ons gewoond. En wij hebben zijne glorie gezien, eene glorie als van den Eengeborene des Vaders, vol genade en waarheid.

God zij gedankt voor al het goede, dat Hij mij geschonken heeft.

In den naam des Vaders enz.

Mc/ den pries/er bidt men godvnichfig drie/naai „Wees gegroetquot; met „Wees

gegroet, o koningin, moeder van barmhartigheid enz.quot; — en de Litanie van Onze Lieve Vrouw van Loreto, zie bladz. 292.

gt;r

_L

ocr page 317

—____ - yx

^cticbcn nn öcr Ijct rit of.

Gebed tot Jezus in het Allerheiligste Sacrament.

,OTj^ijn Heer Jezus Christus, die, om de liefde welke Gij den menschen toedraagt, dag en nacht in het allerheiligste Sacrament tegenwoordig zijt, en vol barmhartigheid en liefde afwacht, tot U roept en ontvangt al degenen, die komen om U te bezoeken; — ik geloof, dat Gij in het Allerheiligste Sacrament tegenwoordig zijt; ik aanbid U uit den afgrond van mijn niet; ik bedank U voor al de weldaden, die Gij mij bewezen hebt, vooral, dat Gij mij U zeiven hebt geschonken in dit Sacrament, dat Gij mij uwe allerheiligste Moeder Maria tot voorspreekster hebt gegeven, en mij geroepen hebt om U in deze kerk te bezoeken. Ik groet heden uw liefdevol Hart, en ik wil dit doen met eene drievoudige meening: ten eerste, om U te bedanken voor deze groote weldaad; — ten tweede, om U vergoeding te geven voor de beleedigingen, die Gij van al uwe vijanden in dit Sacrament ontvangen hebt; — ten derde maak ik de meening, om U te aanbidden op alle plaatsen der wereld, waar Gij het minst vereerd en het meest verlaten zijt in uw Sacrament, — Mijn

X' Meimaand Genade-Oorden. 19.

ocr page 318

X X

290 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

Tezus, ik bemin U uit geheel mijn hart. i Het spijt mij, dat ik vroeger uwe oneindige goedheid zoo dikwijls mishaagd heb. Met de hulp uwer genade neem ik mij voor, U in het vervolg niet meer te beleedigen; en op dit oogenblik, hoe onwaardig ik ook zijn moge, wijd ik mij geheel aan U toe; ik verzaak mijnen wil, mijne genegenheden, mijne verlangens; ik geef U alles, wat mij toebehoort. Doe van nu af aan, wat Gij wilt, met mij en met alles wat mij toebe- ! hoort. Ik vraag U en verlang alléén uwe | heilige liefde, de volharding tot het einde | toe en de volmaakte vervulling van uwen wil. De zielen in het vagevuur, in het bijzonder de zielen dergenen, die de meeste godsvrucht hebben gehad tot het allerheiligste Sacrament en tot de allerheiligste i Maagd Maria, beveel ik U aan. Eindelijk, j j mijn dierbare Verlosser, vereenig ik al de j gevoelens van mijn hart met die van uw | I liefdevol Hart, en aldus vereenigd offer ik | ze aan uwen Hemelschen Vader op, en bid Hem ze te uwer liefde en in uwen j naam welwillend aan te nemen en te ver- |

hoeren.

(100 dagen aflaa:, telkens.)

O heilige Maaltijd, in welken Christus genuttigd, de gedachtenis van zijn lijden gehouden, de ziel met genade vervuld en ons het onderpand der toekomstige glorie gegeven wordt.

ocr page 319

gebeden onder het lof. 291

Zie, tot hoever uwe overgroote liefde, o mijn dierbaarste Jezus, is geklommen. Gij hebt, om U geheel aan mij te geven, eenen goddelijken maaltijd van uw dierbaar Vleesch en Bloed bereid. Wat heeft U toch tot zulke vervoering van liefde bewogen? Zeker niets anders, dan uw allerbeminnelijkst Hart! O aanbiddenswaardig Hart van mijnen Jezus! brandende oven van de goddelijke liefde, ontvang mijne ziel in uwe heilige Wonden; opdat ik in die school van liefde dien God waarlijk leere beminnen, die mij zoo wondervolle bewijzen zijner liefde gegeven heeft. Amen. (rco dagen aflaat, eens daags. 9 Febr. 181S.)

Memorare.

|S|'edenk, o allergoedertierenste Maagd Maria, dat het nooit gehoord is, dat iemand, die tot U zijne toevlucht nam, uwen bijstand verzocht, of uwe voorspraak inriep, door u verlaten is geworden. Aangemoedigd door dit vertrouwen, snel ik en kom ik tot u, o Maagd der maagden, mijne Moeder, en sta ik voor U zuchtende onder het gewicht mijner zonden; o Moeder des Woords, versmaad mijne gebeden niet, maar hoor ze goedgunstig aan en verhoor ze. Amen.

(300 dagen aflaat, telkens. Voor het dagelijks bidden, eenmaal in de maand een volle aflaat op de gewone voorwaarden met kerkbezoek.)

Indien lt;{c tijd hei /oeiaa/, bidt men niet eerbied en aandacht een Rozenhoedje.

ocr page 320

T

JC

X *

meimaand der gexade-oordex.

Litanie van O. L. Vrouw van Loreto.

f^|eer, ontferm U onzer.

Christus, ontferm U onzer.

Heer, ontferm U onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God hemelsche Vader, ontferm U onzer. God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm

U onzer.

God H. Geest, ontferm U onzer. H. Drievuldigheid, één God, ontferm U onzer.

H. Maria, bid voor ons.

H. Moeder Gods,

H. Maagd der maagden.

Moeder van Christus,

Moeder der goddelijke gratie,

Allerreinste Moeder,

Allerzuiverste Moeder,

Ongeschonden Moeder, 5quot;.

Onbevlekte Moeder, —

Beminnelijke Moeder, 6

Wonderbare Moeder, ^

Moeder des Scheppers, 2

Moeder des Zaligmakers, y-

Allervoorzichtigste Maagd,

Eerwaardige Maagd,

Lofwaardige Maagd,

Machtige Maagd,

(Goedertieren Maagd,

(Getrouwe Maagd,

Spiegel der rechtvaardigheid.

292

gt;c

ocr page 321

GEBEDEN ONDER HET LOF.

! Stoel der wijsheid, bid voor ons,

i Oorzaak onzer blijdschap,

1 Geestelijk vat.

Eerwaardig vat.

Uitmuntend vat van devotie.

Geestelijke roos.

Toren van David,

Ivoren toren,

(kilden huis,

! Arke des verbonds.

Deur des Hemels, c-

i Morgenster, —

I Behoudenis der kranken, g

j Toevlucht der zondaren, S

! Troosteres der bedrukten, c

| Hulp der Christenen,

Koningin der Engelen,

Koningin der Patriarchen,

Koningin der Profeten,

Koningin der Apostelen,

Koningin der Martelaren,

Koningin der Belijders,

Koningin der Maagden,

Koningin van alle Heiligen,

Koningin zonder erfsmet ontvangen.

Koningin van den allerheiligsten rozenkrans.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden dei-

wereld, spaar ons. Heer.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden dei-

wereld, verhoor ons. Heer.

293

Lam Gods, dat wegneemt de zonden dei-wereld, ontferm U onzer.

(300 dayen aflaat, telkens.)

ocr page 322

-

.X ^

294 meimaand der genade-oorden.

Zegen met het Allerheiligste.

Aanbidden wij dan, eerbiedig neergebogen, dit verheven Sacrament: de eeredienst der Oude Wet wijke voor dien der Nieuwe: het geloof vuile aan, wat buiten het bereik der zintuigen valt.

Lof en jubelzang, heil, eer en alvermogen, zoowel als zegening, zij den Vader en den Zoon; aan Dengene, die van beiden voortkomt zij gelijke lof gebracht.

v. (lij hebt hun een brood van den hemel gegeven.

r. Dat allerlei aangenamen smaak had.

Laat ons bidden.

ü God, die ons in dit wonderbaar Sacrament de gedachtenis van uw Lijden hebt nagelaten; geef ons, smeeken wij U, de heilige Geheimen van uw Lichaam en Bloed zóó te vereeren, dat wij de vrucht uwer Verlossing voortdurend in ons mogen ontwaren. Die leeft en heerscht in de eeuwen der eeuwen. Amen.

(100 dagen aflaat, eenmaal clargs.)

,,laudate dominumquot;.

„Looft den Heer, alle natiën! looft Hem alle volkeren.

Want groot is zijne barmhartigheid jegens ons, en eeuwig duurt des Heeren trouw. Glorie zij den Vader enz.

t

ocr page 323

Ü riuftlu cij'vD cf ciun ij.

Bid eerst een goed „Acte van Berouwquot;.

{Zie hladz. 304.)

^WTijn God 1 — Ik wil deze oefening van den Kruisweg verrichten met het inzicht al de aflaten te verdienen, die er t aan verbonden zijn en deze toe te voegen aan de zielen van.....

Eerste Statie.

Jezus word/ /1 r dood veroordeeld.

v. Wij aanbidden U, Christus, en 1 loven U.

r. Omdat Gij door uw heilig kruis de wereld verlost hebt.

Ach, Jezus, door dat onrechtvaardig ] doodvonnis, hetwelk ik zoo menigmaal door , mijne zonden onderteekend heb, bevrijd mij van het vonnis des eeuwigen doods, dat ik zoo dikwijls verdiend heb. ()nze Vader. Wees gegroet.

v. Ontferm U onzer. Heer !

r. Ontferm U onzer !

Terwijl men van de eene Statie naar de \ andere ^eiat, zegt men :

O Moeder der Smarten, maak dat de '■ wonden des Zaligmakers diep in mijn hart gegrift zijn.

ocr page 324

296 meimaand der genade-oorden.

Tweede Statie.

Jezus wordt beladen me/ zijn kruis.

v. AVij aanbidden U, enz.

Gij, o mijn Jezus, die bereidwillig een zwaar kruis, het werk mijner zonden, hebt gedragen, doe mij liet grievende mijner misslagen kennen, opdat ik ze al de dagen mijns levens beweene.

Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm U onzer, enz.

Derde Statie.

Jezus ral/ ten eersten male onder het kruis.

v. Wij aanbidden U, enz.

Het groote gewicht mijner zonden, O mijn Jezus, deed U bezwijken onder het kruis. Ik haat en verfoei ze, en vraag u steeds meer om ze mij te vergeven ; met de hulp uwer genade wil ik ze in het vervolg niet meer bedrijven.

Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm U onzer, enz.

Vierde Statie.

Jezus ontmoet zijne allerheiligste Moeder.

v. Wij aanbidden U, enz.

Allerbedroefdste Jezus! O Maria, Moeder der Smarten ! Al zijn ook vroeger mijne zonden de oorzaak geweest uwer pijnen en uwer smarten, met de hulp van Clod zal dat in het vervolg mijns levens niet

ocr page 325

X

X

kruiswkg-okfexc.'g,

meer zijn ; maar ik zal 11 getrouwelijk liefhebben tot aan mijnen dood.

Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm U onzer, enz.

Vijfde Statie.

Simon van Cyrenc helpt Jezus zijn kruis dragen.

v. Wij aanbidden U, enz.

O mijn Jezus, hoe gelukkig is Simon van Cyrene, die U het kruis mocht helpen dragen I Hoe gelukkig zou ook ik zijn, indien ik U het kruis hielp dragen, door geduldig en gaarne ciie kruisen te verduren, welke Gij mij in den loop mijns levens zult overzenden ! O mijn Jezus, geef mij deze genade.

Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm U onzer, enz.

Zf.sdk Statie.

Veronica droog/ het aangezicht van Jezus af.

v. Wij aanbidden U, enz.

O allerzoetste Jezus, die U gewaardigd hebt de trekken van uw aanbiddelijk gelaat op den doek, waarmede Veronica U afdroogde, af te drukken; ach! ik bid U, druk in mijne ziel de onuitwischbare gedachte aan uwe allerwreedste smarten.

Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm U onzer, enz.

297

ocr page 326

298 meimaand der genade-oorden.

Zevende Statie.

Jezus val/ ten tweeden male.

v. Wij aanbidden U, enz.

Mijne herhaalde misdaden, o mijn Jezus, deden U op nieuw onder den last des kruises nedervallen; ach ! help mij om de middelen aan te wenden, welke de kracht bezitten om niet meer in de zonde te vallen.

Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm U onzer, enz.

Achtste Statie.

Jezus troost de wcenende vrouwen.

v. Wij aanbidden U, enz.

O mijn Jezus! Gij, die de godvruchtige vrouwen van Jeruzalem getroost hebt, toen zij, u aldus in smarte ziende, weenden; vertroost mijne ziel met uwe barmhartigheid, waarop ik alleen wil vertrouwen en waaraan ik altijd wil beantwoorden.

Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm U onzer, enz.

Negende Statie.

Jezus val/ ten derde male ouder het kruis.

v. Wij aanbidden U, enz.

O mijn Jezus, die voor den derden maal onder den last des kruises nedervalt; maak, smeek ik U bij de versmadingen, welke (lij hebt moeten lijden, dat ik niet meer

ocr page 327

.X

kruisweg-oefening.

in de zonde hervalle. Ja, mijn Jezus, liever sterven, dan U óp nieuw te beleedigen.

Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm U onzer, enz.

Tiende Statie.

Jezus wordt ontkleed en met gal gelaafd.

v. Wij aanbidden U, enz.

Gij, mijn Jezus, die van uwe kleederen zijt beroofd en met gal gelaafd; neem van mij weg de genegenheden voor aardsche zaken en maak, dat ik alles wat wereldsch en zondig is verafschuwe.

Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm U onzer, enz.

Elfde Statie.

Jezus wordt aan het knus geheeht.

v. Wij aanbidden U, enz.

Door de wreede pijnen, die Gij uitstondt, o mijn jezus, toen uwe handen en voeten werden doorboord en toen gij zoo on-menschelijk werd gekruisigd; maak, dat ik i mijn lichaam altijd kruisige door den geest eener christelijke versterving.

Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm U onzer, enz.

Twaalfde Statie.

Jezus sterft aan het kruis.

v. Wij aanbidden U, enz.

O mijn Jezus, Gij, die na drie uren van den smartelijksten doodstrijd, voor mij aan

299

ocr page 328

__________________________________

i 300 meimaand der genade-oorden.

het kruis zijt gestorven, ach! laat mij sterven voor dat ik het ongeluk hebbe om in de zonde te hervallen; en moet ik blijven leven, dit moge dan alléén zijn om U te beminnen en om U getrouw te dienen.

Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm U onzer, enz.

Dertiende Statie.

Jezus wordt Tan hei kruis afgenomen en op dcu sc/100/ zijner Moeder gelegd.

v. Wij aanbidden U, enz.

Ach Maria, allerbedroefdste Moeder! wat zwaard van droefheid voor U, in uwe ! armen liet ontzielde lichaam van uw teerbeminden Zoon Jezus te beschouwen. Ach! j verkrijg voor mij, de zonde meer en meer te verafschuwen; deze zijn de oorzaak van zijn dood en van uwe smarten ; en maak dat ik in het vervolg als een waar christen leve en aldus het eeuwige leven bekome.

Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm U onzer, enz.

Veertiende Statte.

Jezus wordt in het graf gelegd.

v. Wij aanbidden U, enz.

O mijn Jezus, ik wil voortaan U toebe-hooren en geheel en al voor mij zeiven gestorven zijn; en zoo ik leef, wil ik leven

X

ocr page 329

X : %

kruisweg-oefening. 301

....................................................................................................

voor U, om hiernamaals met U in den Hemel de vruchten te genieten van uw lijden en van uw bitteren dood. Amen.

Onze Vader. Wees gegroet. Ontferm U onzer, enz.

i.aat ons bidden.

O God, die door het kostbaar Bloed van uwen Keniggeboren Zoon den standaard van het levendmakend Kruis hebt willen heiligen: geef, bidden wij U, dat zij, die zich verheugen over de verheerlijking van datzelfde Heilig Kruis, zich ook overal in uwe bescherming mogen verblijden. Door denzelfden Christus, onzen Heer. Amen.

Men kan hierbij nog één Onze Vader en Wees gegroet voegen tot intentie van Z. H. den Paus.

gebed.

Lieve Jezus, ik dank U voor de genaden mij gedurende deze Heilige Oefening van den Kruisweg geschonken en ik hoop, dat ik U nog dikwijls op den droevigen lijdensweg mag volgen. Amen.

Lof aan de H.H. Harten van Jezus en Maria.

Gekend, geprezen, gezegend, bemind, gediend en verheerlijkt zij ten allen tijde en overal het goddelijk Hart van Jezus en het onbevlekt Hart van Maria.

(60 daijen all., eens daags.)

ocr page 330

^iccljtgcUcbcn.

Vóór de Biecht.

C jn den naam des Vaders, enz.

t. Mijn Heer en Mijn God, ik bedank U voor alle weldaden, bijzonderlijk dat Gij J mij sedert mijne laatste Biecht in het leven behouden hebt, en mij nu in de gelegen-| beid stelt, nogmaals van mijne zonden ont-; slagen te worden. Duizenden menschen, die i nu voor altijd van uw zalig aanschouwen verstoken zijn en voor eeuwig in de vlam-i men der hel branden, zouden in den Hemel 1 U loven en danken, indien zij, zooals ik ! nu, nog eenmaal het H. Sacrament der Biecht hadden kunnen ontvangen.

2. Kom, o Heilige Geest, verlicht mijn verstand om mijne zonden te kennen; geef mij de genade van een oprecht berouw

j over dezelve en van ze alle goed en naar beboeren te biechten.

3. Welke zonden heb ik gedaan tegen de Tien Geboden Gods? — tegen de Vijf Geboden der H. Kerk? — tegen de plichten van mijnen staat? — ben ik waakzaam geweest over kinderen en dienstboden? —• is iemand van mijne zonde gïtuige geweest? — heb ik daardoor ergernis gegeven ? aan hoeveel personen ? enz.

X X i

ocr page 331

BIECHTGEBEDEN.

4. Geloof. — Ik geloof: ten iite, dat er één God is; — ten 2^, dat er drie Goddelijke Personen zijn: God de Vader, God de Zoon en God de H. Geest, en dat al deze drie Goddelijke Personen waarlijk God zijn, even oud of eeuwig, even wijs of alwetend, even machtig of alvermogend. Ik geloof ten 3de, dat God de Zoon, de tweede Persoon der H. Drievuldigheid, voor ons is mensch geworden, dat wil zeggen ; een menschelijk lichaam en eene men-schelijke ziel heeft aangenomen; ik geloof, dat Maria zijne moeder is geweest en dat Hij voor mij en voor alle menschen heeft geleden en gestorven is aan het kruis op den berg van Calvarië.

Ik geloof ten 4llc, dat Gij, o mijn God, vol liefde zijt voor de braven en voor de boetvaardige zondaars, en dat ('rij de deugd beloont in dit, maar vooral in het andere leven, dat eeuwig zal duren; — maar dat Gij ook zijt vol gestrenge rechtvaardigheid jegens de boozen en de hardnekkige zondaars, die hier op aarde, maar vooral in de hel, door U gestraft worden.

Ik geloof ten 5Je, dat er zeven Heilige Sacramenten zijn, door Christus zelf ingesteld, opdat wij hier een heilig leven zouden leiden en naderhand zalig zouden worden. — j Ik geloof, dat onder deze zeven Heilige Sacramenten eene voorname plaats bekleedt de Biecht, waardoor wij vergiffenis kun-

I nen krijgen van alle zonden.

%

ocr page 332

304 MEIMAAND DER GEXADE-OORDEX.

Hoop. — Mijn Heer en mijn God, met een vast vertrouwen hoop ik, door de verdiensten van mijnen Zaligmaker Jezus Christus de vergiffenis mijner zonden te verkrijgen, dewijl gij almachtig zijt, en dus de zonde kunt vergeven, •— oneindig goed tot mij en dus ze wilt vergeven, — en dit beloofd hebt en dus ze zult vergeven, indien ik met de noodige gesteltenis dit Sacrament ontvang.

Liefde. — O mijn God! ik bemin U uit geheel mijn hart en boven alles, dewijl Gij het hoogste, beminnenswaardigste goed in U zeiven zijt. — Ook hoop en verlang ik U voor eeuwig te bezitten, dewijl Gij alleen mijn hoogste goed en al mijne gelukzaligheid uitmaakt.

Berouw. — Mijn Heer en mijn God, al mijne zonden zijn mij van harte leed, niet alleen omdat ik mij daardoor onwaardig heb gemaakt nog meer genaden van U te ontvangen en uwe rechtvaardige straf in dit en het andere leven verdiend heb, - -maar vooral heb ik er spijt over omdat ik ü, die het hoogste, het volmaakste en beminnenswaardigste goed zijt, wien ik nu boven al bemin, heb beleedigd. Ik haat en verfoei al mijne zonden en maak het vaste voornemen, om U, mijn beminnens-waardigen God, niet meer te beleedigen en de gelegenheden der zonden zorgvuldig te vermijden. •—-

ocr page 333

X X

.Ia

biechtgebeden.

H. Maria, H. Jozef, HH. Patronen, H. Engelbewaarder, staat mij bij-, om al mijne zonden oprecht te belijden en een goed berouw er over te hebben.

In den biechtstoel.

„Vader, gelief mij den zegen te gevenquot;....

Voorbiecht. ,,Ik belijd mijne schuld voor ,,God almachtig, voor de H. Maagd Maria, ,,voor alle Heiligen en U, Vader, dat ik zeer „gezondigd heb door gedachten, woorden „en werken; het is mijne schuld, mijne „allergrootste schuld; mijne laatste biecht „is geweestquot;......

Belijdenis. „Ik heb zoo dikwijlsquot;......

„Ik beschuldig mij nog van de zonden „van mijn voorgaand leven, vooral tegen „de gehoorzaamheid, de godsdienstigheid „en de zuiverheid.quot;

Nalnechf. „Van deze en al mijne zonden, „die ik niet indachtig ben, belijd ik mijne „schuld; ik bid God om vergiffenis door „de verdiensten van Christus, en U, Vader, „om eene zalige penitentie en absolutie, „indien ik het waardig ben.quot;

Luis/eren naar de vermaning van den Biechtvader, — opletten, tvelke penitentie gij ontvangt — en onder het geven der IJ. Absolutie nogmaals een waar berouw verwekken.

305

w

PK.land Genade-Oorden.

20.

ocr page 334

a '

;;

306 meimaand der genade-oorden.

Na de Biecht.

O barmhartige en liefdevolle God, ik bedank U voor de groote genade, van wederom vergiffenis te hebben bekomen van mijne zonden. Ik maak het vaste besluit, nooit eene doodzonde (of deze of die vrijwillige dagelijksche zonde) meer te doen, en ik wil U getrouw dienen tot aan mijnen dood.

De penitentie volbrengen, en — zoo men gevoeglijk kan — vijfmaal „Onze Vaderquot; en ,, Wees gegroetquot; bidden ter ecre der vijf Wonden van Jezus.

SCHIETGEBEDEN.

Zoet Hart van Jezus, maak dat ik U immer meer en meer beminne.

{300 d. afl., telkens. 26 Nov. 1876.)

Mijn Jezus, barmhartigheid.

(100 (1. afl., telkens. 24 Sept. 1846.)

Allerzoetste Jezus, wil mij geen Rechter, maar een Zaligmaker zijn.

(50 d. afl., telkens. 11 Auj;. 1S51.)

Bemind zij overal het H. Hart van Jezus.

(100 d. afl., eens daags. 23 Sept. 1S60.) Jezus, mijn God, ik bemin U bovenal.

(50 d. afl., telkens. 7 Mei 1854.) Jezus, zachtmoedig en ootmoedig van Harte, maak mijn hart gelijk aan het uwe. (300 d. afl., eens daags. 25 Jan. 1868.) Zoet Hart van Maria, wees mijn heil.

(300 d. afl., telkens. 26 Nov. 1876.)

K gt;•

X

ocr page 335

_____________________X

1

)

I

Cöinmnnid^cfciuiigcu.

Bóór be ï?. Commimic.

1. Verzuchting om dengoddelijken bijstand. Jezus Christus, Zoon van den levenden God! In dit zalig oogenblik mijns levens, kniel ik in uwe tegenwoordigheid neder. Groot is het werk, waartoe ik mij voorbereid. Niet voor een sterfelijken koning dezer wereld, — maar voor U, den onsterfelijken en onzichtbaren God, den Koning der koningen, wien hemel en aarde toebehooren, wil ik een verblijf gereed maken. Ik gevoel mijne onmacht en mijne zwakheid; — hoe zal ik zulken verheven Gast waardig ontvangen ! Sta mij bij, o Heer! en versier zelf de woning, welke Gij wilt binnentreden! Reinig mijn hart in uw heilig Bloed; beziel hetzelve met een vurig verlangen, om met U vereenigd te worden, opdat het gansch verheugd U ontvange, en U geheel en al toebehoore.

2. Geloof. — Van ganscher harte geloof en belijd ik, dat Gij, mijn goede Jezus, — die met den Vader en den H. Geest in macht en heerlijkheid gelijk staat, — waarlijk, met Godheid en menschheid, met ziel en lichaam, met vleesch en bloed, levend en onsterfelijk, hier in het tabernakel tegenwoordig zijt onder den schijn van brood.

ocr page 336

*

308 MEIMAAND DKR GENADE-OORDEN.

C'rij zijt dezelfde Jezus, die in doeken gewikkeld en in de kribbe nederliggend, geweend hebt en later voor mij zijt gestorven aan het kruis. Gij zijt dezelfde God de Zoon, die nu door de bewoners des Hemels wordt aangebeden en verheerlijkt en eenmaal zult komen op de wolken des Hemels om ons allen te oordeelen. Steunend op uw heilig woord, geloof ik dit alles zoo zeker en onwankelbaar, alsof ik het met mijne eigene oogen zag. Daarom kniel ik met den diepsten eerbied voor U neder, en aanbid ik U als mijn God en Zaligmaker. — In dit geloof wil ik leven, wil ik sterven.

3. Hoop. — Jezus! mijn God en mijn Heer, hier in het Tabernakel tegenwoordig, wat kan en mag ik van ü niet verwachten I (jij zijt de Almachtige, die immer helpen kunt; (jij zijt de Algoede, de Barmhartige, die zoo gaarne helpen wilt, wiens genoegen liet is, genaden en zegeningen uit te deelen. Gij staat aan de deur van mijn hart en verlangt binnengelaten te worden, om U zeiven met de volheid uwer genaden aan ons te geven. O, wat mag ik nu van U verwachten, allerliefste Jezus, nu Gij U zeiven met al wat Gij zijt en bezit aan mij geeft I Gij zijt mijne toevlucht, mijne hoop, mijn heil, mijn leven, mijne zaligheid ! Gij hebt beloofd allen, die belast en beladen zijn, te zullen verkwikken. Gij hebt de woorden des eeuwigen levens, en zult dus ook aan mij uw woord houden. ;

V

^ Aquot;

ocr page 337

COMMUNIE-OEFENINGEN.

Gij hebt mij uwe Tafel bereid, in weerwil van allen, die mij vrees aanjoegen, in weerwil van al de vijanden mijner zaligheid. Daarom hoop ik in deze heilige spijze, in dezen heilzamen drank van uw Lichaam en Bloed, sterkte te vinden, om te strijden en te overwinnen. Gij hebt mij deze spijs gegeven als een noodzakelijk middel om eeuwig te leven; daarom nader ik tot U, in de hoop eene gelukzalige eeuwigheid van U te verkrijgen. In deze hoop wil ik leven, wil ik sterven.

4. Liefde. — Allerliefste Jezus ! onder de gedaanten van brood en wijn in het Allerheiligste Sacrament tegenwoordig, — Gij zijt het voorwerp mijner liefde. Gij, de Zoon des Allerhoogsten, zijt van den troon uwer heerlijkheid nedergedaald en hebt hier op deze armoedige aarde order de menschen willen wonen. Het was U niet genoeg, eenige jaren onder de stervelingen te verblijven; neen, Gij wildet met hen zijn, zoolang de wereld bestaat. Gij wildet niet éénmaal aan het kruis onder schrikkelijke smarten sterven, maar U dagelijks voor ons slachtofferen. O onmetelijke afgrond van Jezus' liefde, hoe koud en gevoelloos moet het hart zijn, dat U geene wederliefde toedraagt! Daarom, o mijn Jezus! ik bemin U; ik verlang ten minste ! U te beminnen, niet alleen met den mond, maar ook met het hart en met daden, zooals Gij het verdient. Laat het vuur uwer

309

ocr page 338

K gt;

gt;c

310 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

liefde in mij branden, zoodat ik liever sterve, dan uwe liefde nog door de zonde te verliezen. — Neen, niets zal mij nog van uwe liefde kunnen berooven: geen verlangen om te leven, geene vrees voor den dood, geene wereldsche vermaken, geen wellust des vleesches, geen lijden en geene smart! In deze liefde wil ik- volharden tot het j laatste oogenblik mijns levens. U, o Jezus, I wil ik toebehooren in tijd en eeuwigheid! !

5. Verlangen. — Kom dan, gij Geliefde mijner ziel; dat ik in U te beminnen mijne rust vinde! Gij verlangt dezen Maaltijd met mij te houden en ik verlang vurig aan : uwe H. Tafel aan te zitten! Versterk mij i aan dezen heiligen disch, opdat ik nieuwe ; zielskrachten ontvange op den gevaar- i lijken weg des levens, en eenmaal met

I uwe uitverkorenen bij het eeuwig vreugde-maal moge tegenwoordig zijn. Heer! verzadig mij met den overvloed van uw huis! 1 i Naar ü zucht en versmacht geheel mijne j 1 ziel. Liefelijk bovenal is uwe heilige woning 1 en zalig is uwe tegenwoordigheid. Kom, o Koning des Hemels, Vorst des vredes, en heersch in mijne ziel, — zij is uw eigendom, — en aarzel niet langer aan mijn verlangen te voldoen.

6. O0/moedikheid. — Kom evenwel, o mijn Jezus! zooals Gij binnen Jeruzalem uw intocht hield, ■— als een zachtmoedige en ootmoedige koning! Anders durf ik mij

% gt;

ocr page 339

COMMUNIE-OEFENINGEN. 311

niet in mijne armoede en naaktheid aan U vertoonen. Voor U beven de Engelenkoren des Hemels, voor IJ trilt de aarde, op uw wenk ratelen de donders, flikkeren de bliksems; Gij zijt mijn God en mijn Schepper! En ik — ik ben uw schepsel, het werk uwer handen, een aardworm, ellendig stof en asch. Gij zijt de heiligheid zelve en ik — ik ben een slaaf der zonde. O Heer, geef dus geen acht op mijne onwaardigheid, maar alleen op mijn verlangen. Gij zelf toch roept mij, — en moet ik dan niet komen? Ik nader dan verlangend en ootmoedig, vertrouwende op de oneindige liefde, waarmede Gij de zondaars genadig ontvangt.

Versterk mij met uw H. Lichaam en Bloed. Amen.

O allerheiligste Maagd Maria! Gij, die denzelfden Jezus, tot welken ik nu nader, in uwen kuischen schoot hebt ontvangen en gedragen; smeek voor mij de genade af, om Hem ook waardig in dit H. Sacrament te ontvangen en in mijn hart te be- j waren.

H. Jozef, alle Heiligen Gods, vooral mijne Patronen, H. Engelbewaarder, weest mijne voorsprekers bij Jezus Christus, opdat ik Hem thans zoo moge ontvangen, dat ik | Hem eenmaal van aanschijn tot aanschijn : met u aanschouwen mag. Amen.

I

ocr page 340

312 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

Wacht op uwe plaats, biddende, ioidat gij zonder stoornis naar de H. Tafel kunt gaan. — Verwek nogmaals gevoelens van verlangen, geloof, hoop, liefde en ootmoedigheid; belijd nogmaals uwe zonden, met een rouwmoedig hart; — zeg driemaal: „fleer ik hen niet waardigquot;, enz., en ontvang eerbiedig het Lichaam en Bloed des Heer en.

J3cücbcn na bc ï^. Cannmuuc.

Van de communiebank eerbiedig op uwe plaats teruggekeerd, bid eenige oogenblikken bij u zeiven, zonder u aan iemand te storen.

Verricht vervolgens langzaam en met aandacht de oefeningen van-:

i. Aanbidding. — Mijne ziel maakt groot den Heer, en mijn geest is opgesprongen van vreugde in God, mijn heil! — Gij, o onuitsprekelijke en ondoorgrondelijke God, — dien hemel en aarde niet kunnen bevatten, zijt waarlijk in mij tegenwoordig! O Jezus, mijne liefde, mijn God en mijn ad. Zoon des Allerhoogsten, Koning van het heelal! Gij hebt mijn hr.rt tot uwe woning gemaakt. Ik aanbid U! In alle eeuwigheid moet ieder schepsel U loven voor uwe liefde, die geene grenzen kent. Ik, een klein, nietig wezen uwer schepping, zal niet ophouden uwe goedheid te prijzen, uwen naam te verheerlijken. Als weleer de H. Maagd Maria uwen lof verkondigde.

ocr page 341

X X

COMMUNIE-OEFENINGEN.

toen zij, de zuiverste der maagden, uwe moeder geworden was, — hoe moet ik U dan niet loven, nu Gij in mijn armzalig-hart uw intrek hebt willen nemen! O liefdevolle vriend, o machtige God! wat kan ik meer verlangen dan U te bezitten! Blijf met uwe genade in mij tot het einde mijns levens.

2. Dankzegging. — Wat zal ik den Heer wedergeven voor alles wat Hij mij

j geschonken heeft! — O Heer, Gij verlangt iets, wat wij U allen kunnen geven, hoe arm wij ook zijn, namelijk ons hart. „Mijn kind, geef mij uw hartquot;, zoo spreekt Gij mij toe. — Zie, lieve Jezus, hier is het, neem het aan. Moge het altijd van zuivere liefde voor U branden! moge het toch nimmer meer door zondige begeerten bevlekt en ontheiligd worden 1 Moge ik — evenals een levende en vruchtbare rank 1 met den wijnstok — ook met U door den , band der innigste liefde vereenigd blijven, 1 en rijke vruchten van deugd en goede i werken voortbrengen! Ja, dat verlang ik, mijn Zaligmaker; deze is mijn vurigste j wensch; dit beloof ik LI heden plechtig. Daardoor alleen kan ik U mijne dankbaarheid betuigen voor uwe overgroote liefde.

3. Opoffering. — ü mijn God! Gij in mij, ik in U; — wie zal mij van uwe 1 liefde scheiden? U behoor ik geheel en al. ^

313

: Ontvang mijn lichaam en mijne ziel, al j mijne vermogens en bekwaamheden, mijne |

I

ocr page 342

X_____________________X

314 MEIMAAND DER GENADE-OORDEN.

begeerten en wenschen, mijne gedachten en handelingen. Ik wil mij zeiven geheel verloochenen, en U alléén toebehooren I — slechts aan U wil ik denken, — naar U alleen wenschen, — slechts voor U wil ik werken, — voor U alleen wil ik leven! Uwe wil zal de mijne zijn; uwe geboden zullen de leiddraad zijn van mijn leven; de naleving uwer heilige wet zal mijne spijs en drank wezen.

4. Gebed. — Maar, 0 mijn Jezus! wie zegt mij, dat ik mijne beloften zal nakomen ? Gij hebt mij den goeden wil gegeven; geef mij nu ook de kracht om mijne voornemens te volbrengen. Zonder U vermag ik niets. Gij woont nu als een teedergeliefde vriend in mijn hart en wacht slechts op mijne bede, om dadelijk daaraan te voldoen. Ziehier dan, lieve Jezus, ik vraag U niet om de goederen dezer aarde, maar alleen om uwe genade, om uwe almachtige hulp! Laat deze met mij zijn, met mij arbeiden, en met mij volharden tot het einde toe! Vermeerder in mij het geloof, bevestig de hoop, volmaak de liefde; laat mij de deugd niet alleen prijzen en bewonderen, maar dezelve ook beoefenen! Laat mij ook alle menschen zonder onderscheid waarlijk lief hebben! Wees Gij mijne troost in droefheid, mijn redder in de gevaren des levens, mijne kracht in den strijd. Bevrijd mij van aL'e personen en gelegenheden, die mij tot zon.ie brengen.

ocr page 343

W

COMMUNIK-OEFEXIXGEX.

Laat mij dagelijks toenemen in ware godsvrucht en eenvoud des harten, help mij

om voornamelijk de deugd van........ te

verkrijgen, welke ik tot nu toe zoo moeilijk kon beoefenen. Laat mij de zonde als het grootste, het eenigste kwaad vluchten, voornamelijk de zonde van......, waarin

ik zoo dikwijls hervallen ben! Geene ongodsdienstigheid, geene godslastering, geene onkuischheid, geene enkele doodzonde meer! Laat het ontvangen van dit heilig Lichaam en Bloed mij niet tot mijn oordeel en mijne verdoemenis strekken, maar tot geluk van lichaam en ziel, tot vergiffenis mijner zonden, tot sterkte mijner zwakheid, tot vermeerdering aller deugden, tot eene innige vereeniging met U, en eindelijk tot mijne eeuwige zaligheid! Amen.

5. Gebed voor ander01. — O goede jezus, in dit genadevolle oogenblik bid ik u voor al mijne bloedverwanten, vrienden en weldoeners; voor allen, die mij verzocht hebben voor hen te bidden; voor alle leden der Katholieke Kerk, voor alle levenden en dooden. Houd de braven op den goeden weg, versterk de zwakken, bekeer de zondaars! Troost alle bedroefden, neem de armen onder uwe hoede. Wees de beschermer en vader van weduwen en weezen. Geef den zieken genezing en verzachting hunner smarten. Zegen de vruchten der aarde, behoud den vrede onder de volkeren, verhef uwe heilige Kerk,

gt;15

gt;c

ocr page 344

3l6 meimaand der genade oorden.

breng alle menschen tot het ware Geloof, — en geleid ons allen tot U, om U eeuwig te loven en te bezitten in de eeuwen dei-eeuwen. Amen.

Dit verleene ons de hemelsche Vader, die met God den Zoon, onzen Heer Jezus Christus en den H. Geest leeft en heerscht van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

GEBED

waaraan een vollen aflaat verbonden is, wanneer men het, — na waardig gebiecht en gecommuniceerd te hebben, — voor eene afbeelding van den gekruisten Zaligmaker bidt:

•~ie mij hier, o goede en allerzoetste nS Jezus ; voor uw aanschijn werp ik mij op mijne knieën neder, en smeek en bid U met al de vurigheid mijner ziel, dat Gij in mijn hart wilt drukken levendige gevoelens van geloof, hoop en liefde met een waar berouw over mijne zonden en den vasten wil mij daarvan te beteren; terwijl ik met groote aandoening en droefheid des harten uwe vijf Wonden bij mij zeiven overweeg en in den geest beschouw, datgene voor oogen hebbende, wat reeds de profeet David U over U zei ven in den mond legde, o goede Jezus: ,,zij hebben mijne handen en voeten doorboord; zij hebben al mijne beenderen geteld.quot; (Psalm xxi. 17—18.)

Vijfmaal „Onze Vaderquot; en „ Weesgegroeiquot;.

ocr page 345

INHOUD.

Bladz.

Voorrede.............7

Opdracht.............9

Voorbereidende Lezing:

Maria door den Schepper beloofd ... 11

Maria door de profeten voorspeld ... 12 Maria voorafgebeeld in de verhalen des

Bijbels............15

Maria voorafgebeeld door de beroemde

vrouwen des Bijbels.......17

Viering der Meimaand........21

Grootheden van Maria.

Dag.

1. Maria, de Moeder Gods......24 1

2. De Dochter des Vaders, de Moeder des

Zoons, de Bruid des II. Geestes; de Zuster, de Moeder, de Beschermvrouwe der Christenen.........32

3. Hare uitverkiezing van eeuwigheid • • 39 |

4. Zij is de beschermelinge des H. Geestes. 46

5. Zij nam voortdurend toe in genade . . 53

6. Maria, onze hulp in het stervensuur . . 61

7. Maria, de getrouwe bruid van den 11. Jozef. 68

8. De Engel Gabriël brengt haar de blijde

boodschap..........7°

9. In het geheim der menschwording is zij

de tempel Gods........83

10. De Voorlooper des Messias wordt bij haar

bezoek aan Elizabeth geheiligd ... 90

11. Zij verheft al degenen, die haar naderen.

en ontvangt nieuwen luister uit de grootheid van haren heiligen echtgenoot. 97

ocr page 346

INHOUD.

Bl/

Hare gehoorzaamheid ....

Haar machtige invloed te onzen gunste Zij is de glorie van hemel en aarde Zij is altijd Maagd gebleven . . Zij overtreft de beroemdste mannen van

het Oude Verbond......

Zij is deelgenoote in Gods volmaaktheden Zij is afgebeeld door den tempel vai

Salomon........

Zij is de stad Gods ....

Zij is de troon Gods .

Wij moeten Maria beminnen, eeren en

dienen..........

Maria's waakzame zorg voor hare ge

trouwe dienaren.......

Maria's zorg in geringe zaken .

Maria's milddadigheid.....

Maria verlaat hare dienaren niet . . Maria is machtiger dan een geheel leger Maria schenkt groote Heiligen en be

roemde mannen.......

Maria schenkt de ware wijsheid .

Maria verwerft ons deugden . . Troosteres der bedrukten, Hoop dei

hopeloozen.......

Maria is eer en glorie waardig

Dag 12. 13-14.

15-

16.

17.

18.

19.

20.

21.

-o-24. 25-

26.

27.

28.

29.

Leven der H. Maagd.

Dag. Ijladz.

1. Hare onbevlekte ontvangenis ... 25

2. De geboorte..........34

3. De eerste jaren.........40

4. De opdracht in den tempel.....47

5. Haar leven in den tempel.....55

6. Maria ouderloos.........63

7. De verloving..........70

8. Maria als jeugdige echtgenoote ... 77

X

ocr page 347

__^

INHOUD.

Dag. •

Bladz.

9-

De boodschap des Engels . . . .

• 84

10.

Het bezoek aan Elizabeth . . . .

• 91

11.

Het verblijf bij Elizabeth . . . .

■ 98

12.

De reis naar Bethlehem.....

■ 105

13-

De geboorte des Zaligmakers .

112

14.

De aanbidding der herders . . . .

120

15-

De aanbidding der 'Wijzen . . . .

. 128

16.

De zuivering van Maria.....

'35

17.

De opoffering van Jezus.....

• '43

18.

De vlucht naar Egypte.....

• 151

19.

Maria in ballingschap.....

. 161

20.

De terugkeer uit Egypte . . . .

• 170

21.

Fezus in het midden der leeraren

. 178

22.

De dood van den H. Jozef . . . .

189

2

De bruiloft van Kana en prediking

. 190

24.

Maria bij het lijden......

25-

Maria op den Calvarieberg . . . .

• 213

26.

De dood des Zaligmakers . . . .

. 220

27-

Maria bij de verrijzenis.....

28.

Maria bij de hemelvaart.....

• 239

29.

De nederdaling van den H. Geest

• 247

3°.

Maria's zalig verscheiden . . .

• 257

3,•

De hemelvaart van Maria . . .

■ 265

Genade-oorden van Maria.

Dag. Bladz.

1—4. De Zoete Lieve Vrouw van 's Bosch. 2s,

36, 43. 49

5-6. O. L. Vr. in 't Zand te Roermond. 57, 65

7. O. L. Vr. Ter Linde te Uden . . 72

8. O. L. Vr. van Handel .....79

De Troosteres der Bedrukten te

Kevelaar.......86, 94, t.00

O. L. Vr. in 't Zand te Aarle-Rixtel. 107

12.

13. Ü. L. Vr. Ter Eik te Meerveldhoven

14. O. h. Vr. van Ommel .....122

15. ü. L. Vr. van den Heiligen Eik te

Oirschot..........I32

-----

9quot;

ocr page 348

X X

INHOUD.

Dag. Hi.adz.

16-19. O' L. Vr. van Lourdes 137, 147, 156, 164 20-21. O. L. Vr. van Scherpenheuvel. 173, 1S3 22-23. O- '' Vr. van Maastricht „Ster dei-

Zeequot; .........191, 200

24. O. L. Vr. van het H. Hart. (Issoudun). 20S

25. „ „ „ „ „ „ „ (Sittard). 215

26. O. L. Vr. der Overwinningen te Parijs. 223

27. Maria's Heiligdommen te Rome:

Sa neta Maria in Ara Coeli . . . 232

Maria-de-Meerdere......233

O. L. Vr. van Altijddurenden Bijstand. 234 28-31. Met II. Huis van Nazareth {Loreto) 242,

251,259,26s

Verschillende (tep.eden.

Bi.adz. j

Gebeden onder de II. Mis ......272 '

Gebeden onder het Lof:

Gebeden tot het Allerheiligste Sacrament 289

Memorare............29I |

Litanie van Loreto........292 |

Zegen met het Allerheiligste.....294 I

Laudate Dominum........294 !

Kruisweg-oefening..........295

Lof aan de HH. Harten van Jezus en Maria 301 Biechtgebeden:

Gebeden vóór de Biecht ..... 302

In den biechtstoel. ... .... 305 !

Xa de Biecht..... .... 306

Schietgebeden...........306 !

C o m m u n ie- Oefen in gen.

Vóór de II. Communie . ......307

Na de H. Communie.......312 !

(Jebed met vollen aflaat......316 i

ocr page 349
ocr page 350
ocr page 351
ocr page 352