ocr page 1
ocr page 2
ocr page 3

r

EBBUOTHEEK D€R WJKSUNIVERSITErr

UTRECHT

OOLL. THOMAA4MC

L.

RIJKSUNIVERSITEIT UTRECHT

1434 0180

ocr page 4
ocr page 5

Geestelijke bedevai

naar den

ATOoten wonderdoener van Pi

bestaande

uit de novene der neg-en Dinsd; het pesponsorium en vele andere gebede

tor eere en ter aanroeping van den 1

J*'

?gt;amp;-

2

Met kerkelijke soedkenrinff.

(i. Borg, Amsterdam 1897.

ocr page 6

-0

■ x _

IMPRIMATUR.

Ruriemundai, i Novembris 1896.

Dp- P. Mannens,

l.ibrorum Censor.

(sS /•'

'S—

s

ocr page 7

Uitnoodiging

tol eene geestelijke bedevaart naar den H. Antonius van Padua.

, Op cf/'n /5. Augustus ifips is het zeven eenwen geleden, dat de H. Antonius het licht der wereld aanschouwde, om als een groot licht des hemels de wereld met eenen wonderbaren glans te verwullen. De stad Padua heeft het zevende eeuwfeest der geboorte „van haren heiligequot; metde grootst mogelijke pracht gevierd, en dat verheven heiligdom, dat ,.de eerbied des volks aan den heiligen belijder Antoniusquot; (opschrift boven het graf van den heilige) gebouwd heeft, heeft nauwelijks de duizenden kunnen bevatten, die den grooten wonderdoener daar wilden huldigen, waar de Heer hem eens zelfs uit den mond der kinderen en zuigelingen lof bereid heeft. (Ps. 8, 3.) Er zijn weinig andere dienaren Gods, „welke hem in roem gelijk komenquot; (Sir. 44. 20), wier beeltenis men zoo veelvuldig aantreft en die door zoo velen met zulk vertrouwen aangeroepen worden. Geen wonder ook ! heeft toch 0-----------------------------------------------jg

:i - 1*

ocr page 8

e ---------------©

I

de Almachtige alles gedaan, ora aan dezen grooten zoon van den serafijnschen vader Pranciscns eenen naam te geven, die boven vele namen is, daar Hij hem gedurende bijna zeven eeuwen verheerlijkt heeft, door onloochenbare wonderen.

O hoe vele vereerders van den H. Antonins zouden zoo gaarne in het jubeljaar ter bedevaart hebben willen gaan naar Padua naar die gezegende plaats, waarvan duizenden hunner broeders verhoord en getroost terugkeerden, hoe gaarne zouden zij hunnen geestelijken en lichamelijken nood aan het graf van den heilige hebben willen nederleggen en die gezegende tong vereeren, welke door een onafgebroken wonder tot op den dag van heden ongeschonden gebleven is! Echter zij hebben óf geene gelegenheid gehad óf wel de middelen voor de verre reis naar Padua ontbraken hun.

Deze allen worden alsnog uitgenoodigd eene geestelijke bedevaart naar den H. Antonins te ondernemen, waartoe dit boekje hun een gids en voorbidder wil zijn. Laten wij in den geest ter bedevaart gaan naar het jubelfeest van den heilige, doordat wij de hem zoo welgevallige novene der negen Dinsdagen met vromen ijver verrichten, in het algemeen de Dinsdagen aan hem toewijden en zijne afbeeldingen met de geurige bloemenslingers van een vertrouwvol gebed omkransen! Verheugen wij ons tevens van ganscher harte over de goedheid van üod, „Die wonderbaar is in Zijne heiligenquot;,

S3-----B

— 4 —

ocr page 9

De JE^. ^lntonius als knaap bidt voor het beeld der ÖQoeder ©ods.

ocr page 10
ocr page 11

jubelen wij over de voortdurende verheerlijking van den heiligen wonderdoener, waarin het geloof de bevestiging erkent van datgene wat Jesus aan Zijne leerlingen beloofd heeft, .,de werken te doen, die Hij gedaan heeft, ja zelfs nog grootere, dan dezequot; (Joh. 14, 12), en danken wij de Goddelijke Barmhartigheid, dat ons zulk een voorspreker en zaakwaarnemer bij den troon der Eeuwige Gerechtigheid gegeven werd! O]) deze wijze zullen wij het jubelfeest van den heilige vieren op eene wijze, die hem waarlijk tot eere, ons echter tot hulp en troost strekken zal.

O H. Antonius. machtige wonderdoener, U zij dit boekje, als eene geringe jubelgave, met den diepsten eerbied toegewijd! Moogt Gy allen, die het ter uwer vereering gebruiken, aan uwen zegen en uwe voorspraak deelachtig laten worden, opdat zij zich verheugen en jubelen inU,.,den heilige der geheele katholieke wereld!;'

ocr page 12

Korte geschiedenis

van den heilige en zijner vereering.

Op den 15 Augustus 1195, op het feest van Maria Hemelvaart, werd te Lissabon aan Martinus van Bulloens of Bulhem door zijne echtgcnoote J/an'a een zoontje geschonken, dat in het H. Doopsel den naam Ferdinand ontving. Zijne godvreezende ouders, beiden uit hoogadelijk geslacht, droegen de meest mogelijke zorg voor de opvoeding van den begaafden knaap en vertrouwden hem reeds op zijn tiende jaar aan de kanunnikken der kathedraal ter onderrichting toe. (Over de jongelingsjaren van den heilige in de orde der reguliere Augustijnen, zijne intrede in de Franciskanerorde en zijne werkzaamheid daarin, bevindt zich een kort bericht in de overwegingen van „de novene der negen dinsdagen,quot; zoodat hier slechts zal medegedeeld worden, hetgeen daar niet vernield is). De H. Antonius werd, nadat men te Forli de schitterende geestesgaven, die hij uit ootmoed verborg', met verwondering erkend iad, door den H. Franciscus naar Ncrcclli gezonden,

0------0

— 6 —

ocr page 13

a- - ------------------Q

om zich daar op het godg-eleerde leerambt voor te bereiden. Reeds na korte studie benoemde hem de serafijnsche vader tot leeraar der lieiliare wetenschappen voor de Minderbroeders. Groot waren de uitkomsten des heiligen in deze hoedanigheid, doch grooter nog die zijner apostolische welsprekendheid. welke met Gods genade in Italië en Frankrijk duizenden zondaars bekeerde, en ontelbare dwalenden tot het geloof terugvoerde, zoodat hij den bijnaam „hamer dei-kettersquot; verkreeg. Tn het jaar 1225 werd Antonius guardiaan van Puy in de provincie Narbonne, later custos van Limoges. Hij predikte op vele plaatsen van Frankrijk, waarbij God door talrijke wonderen aan zijne woorden bovennatuurlijke kracht verleende. Omstreeks Paschen 1227 werd hij tot provinciaal der Romagna benoemd. In die hoedanigheid kwam hij ook naar Padua. welks burgers door hunnen vromen ijver voor den heilige de eer verdienden, dat hij den naam hunner stad draagt. Daar verscheen hem de goddelijke Heiland in de gedaante van een aanminnig kindje, daar predikte hij onder de grootste deelneming der bevolking, deed buitengewone wonderteekenen en beschermde de stad tegen de gruwzaamheid van den tiran Ezzelino. Herhaaldelijk predikte hij ook in andere steden van Italië en woonde daarop in Mei 1230 het generaal-kapittel van Assisië bij, door hetwelk hij in aangelegenheden der orde naar Rome gezonden werd. Daar

ocr page 14

05---------gj

verkondigde Antoiiius het woord Gods voor de talrijke vreemdelingen, die in de eeuwige stad zamen stroomden, en o wonder! ieder hoorde hem in zijne eigene taal spreken. Paus Gregorius IX, door bewondering mede-gesleept, brak uit in de woorden; ..Dat is de ark der beide Testamenten en de schatkamer der H. Schriften.quot; (Het verdere over de deugden en wonderen des heiligen bevindt zich in de overwegingen „der negen Dinsdagen.quot;)

Geheel uitgeput door zijne apostolische moeiten en arbeid, ontsliep de H. Antonius op den 13 Juni 1231 zalig in den Heer; op den 18. werd zijn H. lichaam onder groote wonderteekenen naar Padua overgebracht, ten einde in de kerk St. Maria Maggiore op do plechtigste wijze begraven te worden.

Zoo talrijk waren de gebedsverhooringen aan zijn graf, dat de bovengenoemde paus Gregorius .IX. hem reeds op den 30 Mei 1232, dus nog geen jaar na zijn zalig afsterven, tot heilige der Kerk verklaarde. Op den-zelfden dag luidden te Lissabon plotseling alle klokken der stad. als wilde do Heer aan hare burgers de vreugdeboodschap verkondigen van de hoogste eer, die hunnen medeburger ten deel viel. En sedert dezen dag wordt de H. Antonius, zooals nauwelijks een andere dienaar (iods, in de geheele katholieke wereld vereerd, door ontelbare christenen om zijne voorspraak aangeroepen, en door duizenden getuigenissen van verhoorde gebeden door

ocr page 15
ocr page 16

© --------8

De Dinsdag,

dc (lalt;^ van clen H. Antonius van Padua.

Het was de eerste Dinsdag na den zaligen dood van den grooten dienaar Gods. dat zijn heilig lichaam, als in een triomftocht, van Arcella naar Padua overgebracht werd. Sedert den Vrijdag, waarop hij zijne engelachtige ziel in de handen des Scheppers teruggaf, was geen wonder geschied tot op dezen dag der plechtige begrafenis, doch op dezen dag' kon liet getal der wonderen vergeleken worden met eenen stroom, die na het doorbreken der dijken, welke hem terughielden, zijne wateren des te krachtiger voortstuwt. Blinden kregen het gezicht weder, dooven het gehoor, stommen de spraak, lammen en kreupelen het gebruik hunner ledematen. Niemand die zich in nood bevond, riep op dezen dag de voorspraak van de heilige in, zonder verhoord te worden. Zij allen keerden getroost naar huis terug, eu konden, Gods goedheid prijzend, vol vreugde uitroepen: nl)at is dc dag, dien de Heer voor den //. Antonius gemaakt heeft, laat OllS op dezen dag jubelen en verheugd zijn!quot;

Sedert dien bleef deze dag, zoo rijk aan genade, den bewoners van Padua bijzonder heilig en hunne gewoonte, des Dinsdags hunnen machtigen schutspatroon bij voorkeur te vereeren en om zijne voorspraak te bidden, verspreidde zich over de geheele katholieke

n----

- 11) -

ocr page 17

wereld. Bijzonder iu de kerken der orde vau den H. Franciscus wordt op de Dinsdagen het altaar van den heilige versierd, de responsorinmgodsdienstoefening gehouden en honderden geloovigea komen haar bijwonen.

De H. Antonins heeft echter ook zelf den Dinsdag als eenen hem bijzonder aangenamen dag aangewezen en ontelbare aangelegenheden, welke op dien dag met vertrouwen in zijne voorspraak aanbevolen werden, verhooring doen vinden. De geloofwaardigste bewijzen zyn voorhanden, dat geheel buitengewone genaden verleend werden aan die personen, welke den heilige op dezen dag bijzonder vereerden.

Ook heeft paus Clemens XIII. op den 28. Maart 1703 op alle Dinsdagen des jaars, zij mogen onderbroken of ononderbroken, met of zonder novene gehouden worden, telkens eenen volkomen aflaat verleend aan al diegenen, welke gedurende de uitstelling van het Allerheiligste bij het H. Responsorium eene kerk der Franciskanerorde bezoeken, waardig biechten en communiceeren en bidden zullen volgens de meening van den heiligen vader.

Z. H. Paus Leo XIII. heeft op den 3. Juli 1894 deze bijzondere gunst uitgestrekt over al de kerken van die orden, welke den H. Franciscus als hunnen stichter vereeren.

ocr page 18

Oorsprong en viering

van de oefening der negen Dinsdagen ter eere van den heilige.

„Niets is machtiger dan de meusch die bidtquot; (H.Chrysostomus), echter slechts een ootmoedig, geloovig en volhardend gebed bezit deze macht. Dit bevestigt ons ook de H. Antonius. doordat hij in zekeren zin zelf de stichter van de verdienstelijke oefening der zoogenaamde, negen Dinsdagen geworden is, door dewelke men zijne voorspraak het beste kan verwerven.

Eene voorname dame van Bologna leefde reeds gedurende 22 jaren in kinderloozen echt. In deze droefenis nam zij hare toevlucht tot den H. Antonius en, voor zijn altaar in de Franciskanerkerk neergeknield, bad zij hem onder tranen, dat hij door zijne voorspraak haar eene nakomelingschap verwerven mocht. Den (laaropvolgenden nacht nu verscheen haar de heilige in een droom, omringd van een hemelschen lichtglans, en sprak:

„Bezoek gedurende negen Dinsdagen mijn beeld in de kerk der Minderbroeders, onti ang de H. //. Sacramenten en mve bede zal verhoord worden !quot;

De dame deed het vol ijver en vertrouwen, en haar wensch scheen in vervulling te gaan, doch haar geloof zou nog op eene harde proef gesteld worden. Zij baarde een knaapje, dat echter zoo misvormd was, dat het nauwelijks

- 12 -

ocr page 19

op een mensch geleek. Haar echtgenoot geraakte daardoor in woede en beschuldigde haar met hevige woorden van ontrouw. Toen wendde de troostelooze moeder zieh opnieuw vol vertrouwen tot den grooten wonderdoener van Padua, wikkelde het kind in doeken en liet het op het altaar van den heilige neder-leggen, terwijl zij vuriglijk bad, dat hij toch gelukkig mochte voleindigen, hetgeen hij zoo minzaam begonnen had. In de kerk begon het arme kind opeens te weenen, men ontlui 1de het — en o wonder! de misvornidheid was verdwenen. Men bracht aan de vrouw een liefelijk knaapje terug, welks aanblik den vader eiken achterdocht ontnam en het moederhart mot zalige vreugde vervulde.

De roep van dit wonder, hetwelk in het jaar JGIT geschiedde, verspreidde zich snel door geheel Italië, en talrijke vereerders vau den H. Antonius verrichten sedert dien de oefening der „negen Dinsdagenquot;, wanneer zij in groote aangelegenheden zijne hulp willen verkrijgen.

Dezelve werd ook. wanneer zij onmiddelbaar voor het feest van den heilige (alzoo gedurende negen Dinsdagen voor den 13. Juni) gehouden wordt, door paus Benedictus XIV. met eenen volkomen aflaat op een dezer Dinsdagen naar believen verrijkt, voor al diegenen, welke deze oefening verrichten, wanneer zij de H. II. Sacramenten waardiglijk ontvangen, eene kerk der orde van den H. Franciscus bezoeken,

ocr page 20

-amp;

daar de gewone g-odsdienstoefemug' bijwonen en bidden volgens de meening van den heiligen vader; buitendien verleende hij voor alle andere Dinsdagen van liet geheele jaar eenen aflaat van 7 jaren en 7 quadragenen.

Deze, den heilige zoo welgevallige oefening wordt door zijne vereerders gewoonlijk ge-honden als volgt: Zij bezoeken op negen achtereenvolgende Dinsdagen eene kerk der orde van den H. Franoiscus en wonen het H. Responsorium bij, (bevindt zich geene kerk dier orde in hunne woonplaats, dan hooien zij de H. Mis in eene andere kerk) ontvangen ten minste eenmaal de H. H. Sacramenten van Boete en des Altaars, offeren eene waskaars voor het beeld van den heilige en laten eene H. Mis lezen volgens hunne meening. Daarbij wenden zij zich negen maal met eene ver-trouwvolle bede om verhooring hunner aangelegenheid, tot den grooten beschermheilige der bedrukten, en wijden hem voor zijne beeltenis hunne bijzondere vereering in overwegingen en gebeden, alsook door de navolging zijner deugden en het verrichten van werken der liefdadigheid.

„Daar wij echter niet bidden, opdat de goddelijke besluiten veranderd worden, maar ten einde datgene te verkrijgen, wat God beslopen heeft door middel van het gebed aan ons te vervullenquot; (H. Thomas van Aquine), zoo moeten wy deze oefening verrichten met

ootmoedige overgeving in den Goddelijken

-—-—----0'

- 14 -

ocr page 21

lgt;'t kind [Jesus verschijnt aan den^. ^ntonius in zijne cel ter belooning voor zijne gehoorzaamheid. (Bladz.7.)

ocr page 22
ocr page 23

£3 ■ -Qi

Wil, docli ook met geloovig vertrouwen, dat wij door haar de hulp van den heilige verkrijgen zullen, indien het God behaagt eu het onzer zieleheil bevorderlijk is.

Ontelbaren, die „de negen Dinsdagen'1 met volhardenden ijver gehouden hebben, zijn dikwijls op wonderbare wijze verhoord geworden, mochten wij ook al eens goene verhooring vinden, wijl de vervulling onzer bede tegen den H. AVil van G^od of het heil onzer ziel is, dan mogen wij toch de zekere overtuiging hebben, dat do liefderijke H. Antonius onze moeite en gebeden op andere wijze zal vergelden en bij den hemelschen genadetroon, waar hij zooveel vermag, andere weldaden voor ons zal verkrijgen, want wij zijn immers bedelaars, die in zoo vele dingen barmhartigheid noodig hebben.

Bidden wij derhalve met vast vertrouwen, echter met ootmoedige overgeving van onzen eigenen wil. bidden wij mei die volharding, waarmede de geloovigen van Jerusalem zulks deden na do gevangenname van den H. Petrus, en ook wij zullen, evenals hij, nit den kerker onzer droefenis en ellende bevrijd worden door den machtigen bijstand van den wonderdoener van Padua!

s

B-

- 15

ocr page 24

B —-----------------S

Aanroeping

van den heilige en wijdingsgebed bij het begin der oefening.

Wees gegroet, ü H. Autonius. licht der H. Kerk, groote leeraar en beminnaar (lei-goddelijke wet! Wees gegroet, o H. Antonius, glorievolle dienaar Gods en trouwe belijder van Jesus Christus, room en sieraad der serafijnsehe ordel Wees gegroet, o H. Autonius, wondermachtige patroon en vriend der bedrukten, vreugde en troost der ongelukkigen!

Onder uwe hoede en bescherming vlucht ik in mijne noodwendigheden, ik kom tot 1', gelijk de bedelaar tot den rijke, gelijk do z.ieke tot zijnen geneesheer, uit de diepten van dit tranendal roep ik tot U om uwe machtige voorspraak, eu, U die oefening toewijdend, welke gij zelf uwen vereerders aanbevolen hebt, smeek ik met kinderlijk vertrouwen om uwe hulp.

„Bezoek gedurende negen Dinsdagen mijn beeld in de kerk der Minderbroeders, en gij zult verhoord worden!quot; Zeidet gij tot die vrouw van Bologna, welke in hareu nood tot U hare toevlucht nam. Zie. o H. Autonius! ik wil haar voorbeeld volgen en heden, deze oefening ter Uwer eere beginnen; ik wil met geloovig vertrouwen U deze negen Dinsdagen toewijden in overwegingen en gebeden, door het bijwonen der H. Mis en het verrichten

S

Q- —

ocr page 25

van goede werken, terwijl ik mij, door het waardiglijk ontvangen der H. H. Sacramenten, vereenigen wil met Dcngene, Dien gij, in de gedaante van een kindje, op uwe armen hebt gedragen.

Echter, in liet bewustzijn mijner zwakheid en armzaligheid, bid ik U mot de grootste vurigheid dos harten, dat gij mij van God de genade inoogt verkrijgen, dit mijn voornemen getrouw uittevoeren en het heden begonnene gelukkig te voleindigen. Dan ook hoop ik vastelijk nwer werkdadige voorspraak deelachtig te worden, en verwacht met onwrikbaar vertrouwen, dat gij mij bijzonder in deze groote nood wendigheid, voor welke ik uwen machtigen bijstand, o glorievolle wonderdoener, vuriglijk afsmeek, uwe goed-ertierene voorspraak niet zult onthouden. Laat. wanneer het de H. Wil van God, die altijd en overal geschiede, is. ook aan mij die troostvolle woorden in vervulling gaan: ..En gij zult verhoord worden!quot;

O H. Antonins van Padua, door God met zoovele genadebewijzen overladene wonderdoener, zie van uit den hoogen hemel liefdevol op mij, uwen onwaardigen dienaar eu vereerder (uwe onwaardige dienares en vereerster) neder, verlaat mij niet in mijnen nood, maar verhoor mijn vertrouwvol gebed! Uwe gezegende tong, „die ons allen gegeven is, opdat zij voor ons biddequot;, verkrijge mij door haar gebed die genade, (noem hier wat gij wenscht te

- 17 —

ocr page 26

--------------ja

verkrijgen!) welke ik als vrucht dezer oefening, door de kracht Uwer machtige voorspraak hoop te verwerven! Door Christus onzen Heer. Amen.

Overwegingen en gebeden voor de verschillende Dinsdagen.

Op den eersten Dinsdag.

Overïvcgtng der godsvrucht van den II, Antonhis.

„De vreeze des Hoeren is liet begin der wijsheidquot;, deze woorden vau den wijzen Sirath (I, 16.) behartigde de H. Antonius van af zijne prilste jeugd. Deze deugd was hem als 't ware aangeboren, daar zijne ouders zeiven een godvruchtig leven leidden en hem reeds als teederen knaap aan de vrome kanunnikken der kathedraal van Lissabon ter opvoeding overgaven. De H. Antonius had steeds eene kinderlijke vrees voor God. aan Wien hij zich in alles onderwierp, overWien hij steeds op de eerbiedigste wijze sprak, en Wiens geboden hij op de meest nauwgezette wijze vervulde. Hij waagde ook niet in het geringste aan den goeden God ontrouw te worden. Weldra onderscheidde hij zich onder de geestelijken der kathedraal, door zijnen vromen levenswandel en onvermoeiden vlijt, „want wie God vreest vernalatigt niets.'-(Pred. 7, 19.)

— 18 —

ocr page 27

Berst 15 jaren oud, onttrok de H. Antonius zich uit godvreezendheid aan de gevaren der wereld, verliet zijne ouders en bloedverwanten, en zocht do verborgenheid, doordien hij in het klooster van den H. Vincentius, een huis der reguliere koorheeren van den H. Augus-tinus, in de nabijheid der stad, intrad. .,De liefde en vrceze dos He er en. die tot elk goed werk leidtquot; (H. Angustinus), spoorden den op het heil zijner ziel bedachten jongeling aan, zijne oversten om overplaatsing naar het verder verwijderde klooster van Coimbra te vragen, wijl de veelvuldige bezoeken zijner ouders en verwanten, alsook de pogingen zijner vrienden, om hem weder voor de wereld te winnen, hem als een grooten hinderpaal oj) den weg der volmaaktheid, toeschenen. Daar verbleef hij 8 jaren in strenge teruggetrokkenheid en wijdde zijn leven geheel aan den dienst des Hoeren, de versterving en de studie dor H, Schriften, ter verkrijging dier „volkomene wijsheid, die de vreeze Gods isquot; (Sir. 1, 20). Zij bereidde hem, die boven alle medebroeders door zijne wetenschap en de overmaat zijner verdiensten uitstak, op die hooge roeping in de Kerk voor. waartoe hij door de Goddelijke Voorzienigheid geroepen werd.

Overweging en voornemen. Hoe goed zoude het voor mij zijn, indien ik. evenals de H. Antonius, van af de dagen mijner jeugd steeds in de vreeze des Heeren geleefd en niet voor de alles doorgrondende oogen van

— 19 —

ocr page 28

m ...................0

God zonder vrees gezondigd hadde! Hoe kon ik zoo vermetel zijn, den almachtigen en boven alles verschrikkelijken God, „voor Wien geene gedachte verborgen blijftquot; (Sir. 42, 20) zoo dikwijls door zware zonden te ' beleedigen! Denk ik dan nooit aan de Eeuwige Gerechtigheid, „welke zelfs in do engelen ! valschheid gevonden en hen niet verschoond heeft?quot; (Thomas lt;i Kempis.) Wil ik dan altijd een dwaas blijven en als zoodanig het eeuwig verderf ter prooi vallen, in plaats van met den heiligen jongeling Antonius in de school der wijsheid te gaan, welker begin de vreeze des Heeren is?

O allerbarmhartigste God, met uwe genade maak ik het vaste besluit, van nu af aan een leerling te worden van den H. Antonius in de heilige vreeze des Heeren, „die den volmaakten vrede geeft1' (Sir. 1, 22); Uwe Goddelijke tegenwoordigheid zal mij bij al mijne handelingen voor oogen staan, en hot anker mijner hoop dooi- het gewicht dei-vrees in U bevestigd worden.

Gebed.

O H. Antonius, die van jongs af aan in de heilige vreeze des Hoeren geleefd en ook niet in liet geringste gewaagd hebt aan God ontrouw te worden, verkrijg voor mij van den rechtvaardigen Rechter, Dien ik armzalige zondaar zoo zwaar en zoo dikwijls bcleedigd heb, de groote genade, van nu af aan ijveriger

- 2ü —

ocr page 29

De kerk van den JE^. ^Cntonius te 3?adua.

ocr page 30
ocr page 31

ES--------------

dan tot dusverre in de vreeze des Heereu te leven en altijd en overal aan zijne heilige tegenwoordigheid te denken, opdat ik hem nimmer meer door een zware zonde moge beleedigen! Neem ook liefderijk die aangelegenheid ter harte, voor welke ik meer bijzonder deze oefening ter uwer eere verricht. Ten einde spoediger verhoord te worden, maak ik onder aanroeping van uwen bijstand het voornemen, deze week ook in het kleine aan God goed getrouw te blijven uit liefde tot Jesns, uwen en mijnen beminden Heer en Heiland, Die met den Vader en den H. Geest. God gelijk Zij. leeft en regeert van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

Op den tweeden Dinsdag'.

OTr fiorg/ng der liefde van den H. Antonhis lot God.

De liefde Gods, die in de bereidwilligheid, alles voor Hem te doen of te laten en in de vreugde aan het levendige verkeer met Hem, bestaat, was de slam. waaruit alle andere deugden van den H. Antonius voortsproten, de koningin, om wier troon zij zich scharen. Zij bewoog den vromen jongeling, zooals wij reeds op den eersten Dinsdag overwogen hebben, zich geheel van de wereld los te maken. „Van alles afstand doende en het als slijk betrachtend, om Christus te winnenquot; (Phil. 3, H; leefde hij reeds acht jaren in het

ocr page 32

jg------------------g

klooster te Coimbra, toen de heilige lichamen dier vijf zonen van den serafijnschen vader, welke in Marokko voor het geloof vreugdevol hun leven gelaten hadden, daarheen ter plechtige teraardebestelling overgebracht werden. Het aanschouwen der relikwiën dezer heilige bloedgetuigen -en de berichten over hun glorievol martelaarschap deed de gloeiende liefde tot God in het hart van den H. Anto-nius ontvlammen. Een onbeschrijfelijk verlangen maakte zich van hem meester om. gelijk zij, zich voor immer met de heilige armoede te huwen, den ongeloovigen het Evangelie te verkondigen en als martelaar voor Jesus Christus te sterven.

„De ware liefde tot God bemint niet met woorden, doch met werken en waarheidquot; (t. Joh. 3, 18). Daarom verzocht de heilige, nadat hij daartoe van zijne oversten verlof verkregen had, onmiddelijk met allen ootmoed om opname in do serafijnsche orde en verhuisde uit hot gesticht der koorheeren naar het nederige arme kloostertje der Minderbroeders, van welks patroon, dm grooten kluizenaar St. Anton his, hij ook den naam aannam. Daar ontving hij op zijne voortdurende beden de, in heilige begeerte naar het martelaarschap, zoo vurig verlangde opdracht, om in Afrika het Evangelie te verkondigen. Echter God had het anders besloten. Het schip, dat hem naai' Marokko brengen zoude, werd door hevige stormen naar Sicilië gedreven, l.angen tijd lag de heilige daar

a-------- ---------Ö

ocr page 33

in ilessina ziek, totdat hij zich, ofschoon nog geheel afgemat, naar het generaal kapittel te Assisië kon begeven, wa.ar hij den zegen van zijnen vader in Christus wilde ontvangen.

De Goddelijke Voorzienigheid had hem eeu ander grooter veld toebedacht, om zijne vlammende liefde tot God in daden te iiiten, u. 1. het apostelschap van eenen wonderbaren leeraar en prediker. Mocht de H. Antonius aan zijnen Jesus niet leven voor leven, zoo wilde hij hem althans liefde voor liefde geven, doordat hij duizenden harten tot die ware liefde tot God bracht, „welke de band der volmaaktheid isquot; (Kol. 3, 14). „Heer ontneem mij aan mijzelven en schenk U aan mij!quot; zoo verlangde de H. Antonius met den H. Au-gustinus en hij beminde zijnen God met geheel zijne ziel. wier gedachten slechts op God en het heil der zielen gericht, met al zijne krachten, die immers alle aan de eer van God gewijd waren.

Overweging' en voornemen. Hoevele redenen heb ik, dien God oprecht te beminnen. Die Zijnen laatsten bloeddruppel voor mij aan het kruis opgeofferd heeft, en — o hoe gering is mijne liefde tot Hem. Het offer van mijn klein hart js mij reeds te veel voor de oneindige goe'dheid Gods jegens mij; het hangt geheel aan het aardsche, aan sterfelijke schepselen, ja zelfs aan de zonde; het is zoo koud jegens het van liefde gloeiende goddelijk Hart. De H. Antonius had geen vuriger

Q--------------------©

ocr page 34

wensch, dan zijn leven voor Jcsus tc laten, en ik — wil niet eens de lieffjekregene gelegenheid tot zonde vermijden; hij was bereid alles voor God o]) te offeren en mij valt het geringste offer van geduld en der bestrijding mijner hartstochten zwaar.

O liefdevolste Vader in den hemel, heb medelijden met mij liefdeloos menschenkind! Van nu af aan wil ik er ijveriger dan tot dusverre naar streven, Uwe oneindige Goedheid niet met ondankbaarheid te beantwoorden. Het voorbeeld van den H. Antonius moge mij aansporen ü oprecht te beminnen, doordat ik uwe geboden opvolge en mij van zonden onthoude, doordat ik U heden mijn hart schenk, dat zich nimmermeer van Ü moge losmaken.

Gebed.

O liefdevolle H. Antonius, die uit liefde tot God aan alle aardsche goederen vaarwel gezegd hebt en bereid waart voor Zijne eer en het heil van den evennaaste uw leven vreugdevol op te offeren, verkrijg voor mij van het Goddelijk Hart van Josiis, hetwelk gij met zoo innige liefde omarmd hebt, dat Zijne genadestralen mijn koud hart verwarmen en tot ware liefde Gods ontvlammen mogen. Aan uwe goedgunstige voorspraak beveel ik ook de aangelegenheid, waarvoor ik bijzonder deze oefening verricht, voor zooverre hare vervulling ter eere van God en tot heil mijner ziel strekken kan. Om de vervulling dezer

ocr page 35

0- —amp;

bede des te eenter te erlangen, wil ik in de volgende acht dagen de grenzenlooze liefde Gods : jegens mij overwegen en mij quot; van gauscher harte verheugen in uwen en mijnen lieven Heer en Heiland, die met den Vader cn 'den H. (jeest, God gelijk Zij, leeft en regeert van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

Op den derden Dinsdag.

Overweging van het geduld van den //. Anfonrns.

„In uw geduld zult gij uwe zielen bezittenquot; (Luk. 21, 19) zoo leert de evangelische waarheid: de geduldige verliest zijne ziel niet door te jammeren en to klagen over het lijden en de wederwaardigheden van dit leven, hij draagt het hem door God opgelegde kruis met een rustig gemoed, hij lijdt zonder morren, ja hij roemt zich met den apostel in zijne bekommeringen.

De H. Antonius was een voorbeeld in deze deugd en had alle drie de trappen van geduld, waarvan de H. Beruardus spreekt, bereikt. Hij was zijnen weg begounen in de vreeze (iods, daarom droeg hij het kruis geduldig, hij was ver gevorderd in vertrouwen, daarom droeg hij het gaarne en gewillig, hij werd volkomen in de liefde, daarom droeg hij het met vreugde. Toen de heilige bij het gene-raalkapittel van Assisië kwam, was zijne ontvangst hoogst vernederend en ontmoedigend.

ocr page 36

0 ¥

do H. Franciscns schceu zich volstrekt niot om hem te bekommeren. Wegens zijn uitgeteerd weinig belovend voorkomen, quot;wilde geen guardiaan hom in zijn klooster opnemen en zoo bleef hij. geheel achteruitgezet, alleen overig, toen alle andere broeders reeds hunne plaats gevonden hadden. Eindelijk verleende ' hem P. ftratianus, de provinciaal der Romagna. de plaats van kapelaan in het kleine, eenzame gesticht van Montepaolo, daar hij op zijne j navraag vernam, dat Antonins reeds tot priester gewijd was.

,.T)e weg dor deugden is een weg des kruizes,quot; dezen bewandelde de heilige ouder voortdurende proeven van geduld met vreugde. Zijn leven te Montepaolo in algeheele verborgenheid was de laatste voorbereiding voor den toekomstigeu apostel der Kerk, die zooveel ongemak, bezwaren, moeiten en zelfs vervolging om Jesus wille zou verdragen. Als deze kwellingen vermochten niet zijn geduld en zachtmoedigheid aan het wankelen te brengen; hij bezat immers, zooals wij op den tweeden Dinsdag overwogen hebben, de ware liefde en deze „is geduldig, zij verdraagt alles, zij duldt allesquot; (1. Kor. 13, 4\ Geen hem aan-gedanen smaad, geen lichamelijk of zielelijden, geen bespotting en vervolging van de zijde der dwalenden ontlokten hem ooit eene gemoedsopwelling of eene klacht; hij was bereid, elk kruis, ook het zwaarste, gaarne op zich te nemen ten einde zijns goddelijken Meesters waardig te zijn. Daarvoor echter

ocr page 37

S!

ging in den H. Antonius ook die troostrijke belofte van den apostel in vervulling; „Wanneer wij niet Ciiristus lijden, zullen wij ook met hem verheerlijkt wordenquot; (Rom. 8, 17 )

Overweging en voornemen. Do H.

Antonius had alle drie de trappen vau geduld bestegen: waarop sta ik dan? Misschien niet eens op de eerste? Draag' ik het kruis, dat God mij opgelegd heefv. geduldig? Helaas neen: ik ontwijk zooveel mogelijk het kruis-dragen, en moet ik het op mij nemen, dan doe ik het morrende over zijne zwaarte, en ben vol ongeduld, wanneer God het mij niet spoedig wil afnemen. Eene kleine oorzaak ontsteekt mij in toorn en ik verlies mijne gemoedsrust bij de kleinste wederwaardigheden.

O lijdende Heiland, hoezeer bon ik uwer onwaardig geworden, daar ik mijn kruis niet wil dragen! van welk een schut van verdiensten heb ik mijzelven door mijn ongeduld beroofd I Want zonder kruis geen kroon, zonder lijden geene vreugde. Daarom wil ik heden het vaste voornemen maken, in de toekomst naar het voorbeeld van den H. Antonius een beter volgeling van Christus te worden, ik wil met hem geduldig de moeiten en onaangenaamheden in dit tranendal op mij nemen en zonder morren het kruis dragen, dat mij toebedeeld is. opdat ik door hetzelve de kroon der hemelsche beloften verwerve en op den jongsten dag niet mijns Hollands onwaardig bevonden worde.

ocr page 38

Gebed.

O H. Antonius, schitterend voorbeeld van geduld en zachtmoedigheid, die zoo veel onverdiende geringschatting', zoo vele zwarigheden en moeite vreugdevol op U genomen hebt. verkrijg voor mij van het goddelijk Hart van Jesus de genade, dat ik van nu af aan het kruis des Heeren met liefde omarme en alle wederwaardigheden van dit leven geduldig verdrage. Laat mij ook door uwe machtige voorspraak in deze aangelegenheid, voor welke ik bijzonder deze oefening ter uwer eere verricht, verhooring vinden. Ten einde deze genade des te eerder deelachtig te worden, zal ik tot den volgenden Dinsdag elke opwelling van toorn en ongeduld standvastig onderdrukken en zonder klagen het kruis op mij nemen, als een gewillige navolger van uwen en mijnen lieven Heer en Heiland, die met den Vader en den H. Geest, ttod gelijk Zij, leeft en regeert van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

Op den vierden Dinsdag1.

Ovmi'cging iler grootc ootmoedigheid van den 11. Antonius,

„Wanneer gij niet gelijk wordt aan de kleinen, dan zult gij het rijk der hemelen niet binnen gaan' (Matth. 18, 3), met deze woorden wees de Goddelijke Heiland de

ocr page 39

ootmoedigheid aan als een noodzakelijk ver-eischte ter verkrijging van de eeuwige zaligheid, als de grondslag voor het gebouw der deugd in de christelijke ziel.

Zooals de laatste overweging ons geleerd heeft roemde de H. Antonins, evenals de Apostel (Gal. fi, 14), zich slechts in het kruis van Jesus Christus, hij bezat de ware ootmoedigheid in haren geheelen omvang, want „li ij verachtte de wereld, hij verachtte zich zelf. echter geen zijner medemenschen, en hij verachtte de verachtingquot;. Ofschoon van hoogen adel en groote geleerdheid, verrichtte hij in het klooster van Montepao o de diensten van den geringsten en onwetendsten der leeke-broeders; hij stelde het licht zijner wetenschap zóódanig onder do korenmaat, dat goen mensch het zou ontdekt hebben, hadde de Goddelijke Voorzienigheid zelf hot niet op den kandelaar gesteld. Ongekend en gering geschat leefde hij in dit armzalig kloostertje, totdat zijne buitengewone geestesgaven op het ordes-kapittel te Forli bekend werden.

De ootmoedigheid bedingt drie zaken; Onderwerping — de H. Antonius onderwierp zich in alles en geheel aan den wril van God en dien zijner oversten, — zelfkennis — de H. Antonius beschouwde zich zeiven als den geringste onder zijne broederen, — waardeering van het betere — de H. Antonius schatte slechts het goede in anderen hoog. „God geeft den ootmoedige genadequot; (l.Petr. 5, 3;)

ocr page 40

-q

Gebed.

O H. Antonius, schitterend voorbeeld van geduld en zachtmoedigheid, die zoo veel onverdiende g-eringschatting-. zoo vele zwarigheden en moeite vreugdevol op U genomen hebt. verkrijg voor mij van het goddelijk Hart van Jesus de genade, dat ik van nu af aan het kruis des Heeren met liefde oraarme en alle wederwaardigheden van dit leven geduldig verdrage. Laat mij ook door uwe machtige voorspraak in deze aangelegenheid, voor welke ik bijzonder deze oefening ter uwer eere verricht, verhooring vinden. Ten einde deze genade des te eerder deelachtig te worden, zal ik tot den volgenden Dinsdag-elke opwelling van toorn en ongeduld standvastig onderdrukken en zonder klagen het kruis op mij nemen, als een gewillige navolger van uwen en mijnen lieven Heer en Heiland, die met den Vader en den H. Geest, God gelijk Zij, leeft en regeert van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

Op den vierden Dinsdag.

Overweging der groote ootmoedigheid van den //. Antonius.

„Wanneer gij niet gelijk wordt aan de kleinen, dan zult gij het rijk der hemelen niet binnen gaau' (Matth. 18, 3). met deze

woorden wees de Goddelijke Heiland de

0----------------®

28

ocr page 41

ootmoedigheid aan als een noodzakelijk ver-eischte ter verkrijging van de eeuwige zaligheid, als de grondslag voor het gebouw der deugd in de christelijke ziel.

Zooals de laatste overweging ons geleerd heeft roemde de H. Antonius, evenals de Apostel (Gal. 6, 14), zich slechts in het kruis van .lesus Christus, hij bezat do ware ootmoedigheid in haren geheelen omvang, want „hij verachtte de wereld, hij verachtte zich zelf. echter geen zijner medemenschen, en hij verachtte de verachtingquot;. Ofschoon van hoogen adel en groote geleerdheid, verrichtte hij in het klooster van Montepaolo de diensten van den geringsten en onwetendsten der leeke-broeders; hij stelde het licht zijner wetenschap zóódanig onder de korenmaat, dat geen mensch het zou ontdekt hebben, hadde de Goddelijke Voorzienigheid zelf hot niet op den kandelaar gesteld. Ongekend en gering geschat leefde hij in dit armzalig kloostertje, totdat zijne buitengewone geestesgaven op het ordeskapittel te Forli bekend werden.

lgt;e ootmoedigheid bedingt drie zaken: Onderwerping — de H. Antonius onderwierp zich in alles en geheel aa-i den wil van God en dien zijner oversten, — zelfkennis — de H. Antonius beschouwde zich zeiven als den geringste onder zijne broederen, — waardeering van het betere — de H. Antonius schatte slechts het goede in anderen hoog. „God geeft den ootmoedige genadequot; (l.Petr. 5, 3;)

ocr page 42

op de vergadering te Forli werd aan den lieilige. die vergeefs beweerde een arm, onwetend mensch te zijn, onder verwijzing naar de gehoorzaamheid opgedragen, eene stichtende toespraak tot de broeders te houden. Hij deed dit met zooveel zalving en begeestering, dat allen er over in verwondering en verrukking geraakten. Dadelijk werd aan den H. Franciscus medegedeeld wat voorgevallen was, en hij droeg aau den heilige het ambt van prediker en later ook dat van leeraar in de godgeleerdheid op.

Reeds de eerste uitkomsten der predikatiën van den H. Antonius waren wonderbaar, grootsch ook de teekenen, die aan zijne woorden eene bovenmensehelijke kracht verleenden, buitengewoon de lofspraken, waarmede zijne werkzaamheid, zelfs door den paus, gëeerd werd; hij bleef echter steeds de ootmoedige priester en monnik, die hij in het kloostertje Montepaolo geweest was, want zijn geheele leven was op de ootmoedigheid gegrond, „zonder welke alles wat wij doen, te gronde ga,atquot; (H. Gregor. d. Gr.).

Overweging en voopnemen. Waarom ben ik toch zoo weinig aan den H. Antonius gelijk, ja, ik doe zelfs juist het tegenovergestelde van datgene wat hij gedaan, heett! Of ben ik niet trotsch op schijnbare gaven van geest en lichaam? Beu ik niet gevoelisr ook slechts voor de geringste verneiering? Ik zie eiken splinter in het oog des broeders.

ocr page 43
ocr page 44
ocr page 45

doch niet den balk in liet eigene oog'; steeds ben ik er op uit menschelijken lof te oogsten en in plaats van mijnen eigenen wil te onderwerpen, tracht ik hem met alle middelen door te drijven.

Mocht toch het voorbeeld van den H. Antonins mij van alle hoovaardij genezen, opdat ik. die zonder Gods genade niets ben, mijne eigene armzaligheid goed erkenne en in mijn hart die ootmoedige gezindheid koestere, zonder welke geene ware deugd bestaan kan. Welaan dan, heden wil ik opstaan uit mijnen valschen eigenwaan en van nu af aan mijnen hoog-moedigen wil steeds trachten te onderwerpen, mij niet voor beter achten dan anderen, en naar het voorbeeld van den H. Antonins mij vernederen, opdat do. lieve God, die de hoog-moedigen weerstaat, mij niet voor altijd zijne hemelsche genade onttrekken moge.

Gebed.

O H. Antonins, dio uzelven voor den geringste uwer medebroeders gehouden en het licht tiwer wetenschap ootmoedig onder de korenmaat verborgen hebt. zie genadig op mij neder en verkrijg voor mij do genade, dat ik van den goddelijken leermeester Jesus Christus, Die zachtmoedig en ootmoedig van harte was. de beoefening der ware ootmoedigheid en zelfverloochening leere, en door haar dien hemel-schen vrede vinde. die den ootmoedigen eigen is! Laat mij ook in deze aangelegenheid.

ocr page 46

-'—

a----------—a I s-

i I !

die ik door deze oefening bijzonder in uwe goedertierene voorspraak aanbeveel, varhooring'

vinden, zoo het Gods H. Wil en tot nut mijner ziel is! Opdat mijn smeeken des te eerder verhoord worde, neem ik mij voor, tot den volgenden Dinsdag alle vernederingen geduldig te verdragen en bij alle bekoringen tot hoovaardij des geestes en des levens gedachtig te zijn aan het ootmoedigste hart van uwen en mijnen lieven Heer en Heiland, die met den Vader en den H. Geest, God gelijk Zij, leeft en regeert van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

Op den vijfden Dinsdag.

Overweging der ware naastenliefde van den If. Antonius.

Die God waarlijk liefheeft, bemint ook den naaste, „want indien iemand zegt, dat hij God liefheeft en hij haat zijnen broeder, dan is hij een leugenaarquot; (Joh. 4, 20). Daar nu de H. Antonius een zoo voortreffelijke leerling van Jesus was, die de wederkeerige liefde als erkenningsteeken Zijner jongeren vastgesteld heeft (Joh. 13.), zoo is het geen wonder, dat ook zijne naastenliefde eene buitengewone was.

Zij openbaarde zich voor alles in zijnen waarlijk apostolischen zielenijver, in zijne gestadige bereidwilligheid, om „alles voor

.

ocr page 47

allen te worden, ten einde alten voor Christus te winnenquot;, en zijne medemenschen in geestelijke en lichamelijke noodwendigheden steeds hulprijk bij te staan.

De H. Antonius trachtte zijne medebroeders in Christus tot hetzelfde goede doel te voeren, waarnaar hij zelf streefde, derhalve trok hij zich met bijzonderen ijver het lot aan der zondaars, die geestelijk zieken, welke den zielengeneesheer noodig hebben.

Zijne heilige welsprekendheid bi'acht duizenden tot boete en bekeering, ja, door een wonder toonde hij zich zelfs des nachts aan verscheidene zondaars, hield hun hunne geheimste misdrijven voor oog-en en beval hun. onmiddelijk rouwmoedig te biechten. Zijne predikatie voerde tallooze dwalenden tot het geloof terug, hunne bekeering was een lievelingswerk van den heilige, waarvoor hij al zijne krachten inspande en dooi' Oods genade buitengewone wonderen wrocht.

De visschen luisterden naar zijne woorden, do muilezel, die drie dagen honger geleden had. verliet, op bevel van den heilige, dadelijk het hem voorgeworpene voeder, knielde aanbiddend voor het Allerheiligste neder, en bleef ootmoedig in deze houding, zonder zijn voedsel ook slechts aan te raken, totdat de H. Hostie in de kerk teruggebracht werd, een wonder zóó groot, dat de ketter Bonvilo, die het verlangd had, zich dadelijk met vele andere dwalenden van Rimini bekeerde; hij nuttigde

ocr page 48

zonder hinder vcrgiftigxlo spijzen, om kort te gaan, zijn gebed verkreeg van de Goddelijke Almacht zoodanige teekenen, dat ook do hardnekkigste ketters daaraan niet konden weerstaan. De H. Antonius beminde naar des Hoeren gebod ook zijne vijanden en tegen-standers, „hij deed goed aan diegenen, die hem haatten, en bad voor hen. die hem belasterden en vervolgdenquot; (Matth. 5, 44). Zoo beantwoordde hij onder meer den aanslag o|) zijn leven door de ketters van Rimini gedaan, daarmede, dat hij door het afsmeeken van een wonder hunne bekeering bewerkte.

De naastenliefde van den H. Antonius strekte zich ook uit over de lichamelijke behoeften en nooden zijner medebroeders, zij verkreeg van de Goddelijke barmhartigheid talrijke genezingen, vertroosting in ongelukken, van allerlei aard. zelfs opstanding van den dood.

Overweging en voornemen. Waarin bestaat toch mijne naastenliefde? Is zij ook gelijk aan die van den H. Antonius? Ach, ik moet tot mijne beschaming bekennen, zij is er niet eens een schaduw van. Mijne vrienden wil ik wel liefhebben. — maar mijne vijanden? eene kleine aalmoes wil ik: wel geven — doch offers brengen voor het welzijn der medemenschen ? O. iioe ver ben ik verwijderd van den vlammenden ijver van den H. Antonius voor het zieleheil des naasten, hoe gering is mijne bereidwilligheid om hem te helpen! En toch weet ik, dat de Heer op

-Q

ocr page 49

quot;

deti jougsten «lag diegenen van zicli af zal wijzen, welke zijn grootste gobod: Bemint uwen naaste gelijk u zeiven 1 niet gehouden hebben.

O, goddelijke Heiland. Die ons tot het einde toe bemind hebt, ik beloof U, dat ik van nu af aan in deze gewichtige zaak niet uwe genade een ander mensch wil werden. Het is mijn vast voornemen, naar het voorbeeld van den H. Antonius U en Uw heilig gebod op te volgen, den evenmensch mot de werken der geestelijke en lichamelijke barmhartigheid iiaar vermogen bij te staan, elke vijandelijke gedachte uit mijn hart te verbannen eu den naaste om Uwentwille slechts goed te bewijzen.

Gebed.

O H. Antonius. die U met zooveel liefde ontfermt hebt over de zondaars en de onge-loovigen, de bedroefden en de ongelukkigen, verkrijg voor mij de genade, dat ik van nu af aan. beter dan tot dusverre, het groote gebod der naastenliefde moge volbrengen, doordat ik met christelijke deelneming mijne mede-menscheu, als mijne broederen in Christus, in geestelijke eu lichamelijke noodwendigheden naar krachten behuljizaam moge zijn, doordat ik ten allen tijde mijnen beleedigers bereidwillig vergeve, opdat ook mij barmhartigheid eu vergiffenis ten deel moge vallen. Aan uwe liefde beveel ik ook deze bijzondere aangelegenheid, voor welke ik deze oefening

----i2'

'0

- M5

ocr page 50

m-

ter uwer eere verricht. Om deze genade des te eerder waardig' gekeurd te worden, wil ik de volgende acht dagen bijzonder door werken van barmhartigheid heiligen en met geduld al het mij aangedane onrecht verdragen, mijn blik steeds richtende op Hem, Die op het kruis hangende nog om vergiffenis voor zijne vijanden bad. uwen en mijnen geliefden Heer en Heiland, die met den Vader en den H. Geest, God gelijk Zij, leeft en regeert van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

Op den zesden Dinsdag.

Chu-rvrving nan hrt vaste vertrouwen op God van Jen If. Antonius.

Gedurende zijn geheele leven mistrouwde de H. Antonius zijne eigene kracht, en verliet zich niet op eigen scherpzinnigheid, „maar li ad met gauscher harte vertrouwen op den Heerquot; (Spr. 3, 5.) Hij wierp zijne zorgen op God en was vast overtuigd van de woorden der H. Schrift; „Wie heeft hem ooit aangeroepen en is veracht geworden?quot; (Eccl. 2, 12.)

Toen derhalve door God aan den H. Antonius was geopenbaard geworden, dat zijn vader in het verre Lissabon valschelijk van eeneu moord beticht werd. begat hij zich, vol sterk vertrouwen op Gods raachtige goedheid, dadelijk daarheen op weg, ten einde

1 _ 36 -

a—

ocr page 51

den onschuldige eer en leven te redden. Hij dacht noch aan de langdurigheid en moeielijk-heid der reis, noch aan de mogelijkheid, dat hij te laat kon komen, maar schreed voorwaarts. zoo snel hij kon, onder een vurig gebod. Hij had geheel zijne hooj) op den Heer gesteld en zou niet beschaamd worden. Want ziet! door een wonder bevond hij zich in den koristen tijd te Lissabon. Daar trad hij voor de ten zeerste verwonderde rechters, ten einde de onschuld zijns vaders te bewijzen.

Doorwien? Door de volgeldige getuigenis van den vermoorde zeiven. In onwrikbaar vertrouwen op Gods bijstand, beval hij diens graf te openen, verwekte den doode ten leven en gebood hem te zeggen, of Martinus v. Bulhem hem vermoord had. Plechtig ontkende zulks de voor deze getuigenis in het leven geroepene, en de vader van den H. Antonius was op de eervolste wijze gered.

Tn dit vast vertrouwen op God beschaamde hij de dwalenden, wanneer zij hem valstrikken legden, b. v. vergiftigde spijzen of op eeneu vastendag vleesch voorzetten lieten.

De H. Antonius hield naar het voorbeeld van den apostel der volkeren (Hebr. (i. 19) „zijne hoop vast, evenals een veilig anker, dat reikt tot in het binnenste des heiligdoms. Daarom wijdde hij ook zoo veel tijd aan het gebed en een vertrouwelijk verkeer met God, iu het vaste vertrouwen, dat Diens barmhartigheid hem vreugde brengen zoudequot; (Eccl. 2, 9).

ocr page 52

m • —----------—0

Overweg-ing en voornemen. Hoo gcriiig en zwak is mij» vertrouwen op God tegenover dat van den H. Antonius! Waar ik met eigene kracht niets kan uitrichten, ben ik dadelijk moedeloos, in plaats van vertrouwvol de hulp in te roepen van dengene. „die de wereld overwonnen heeftquot; (Joh. 16, 38). Ik verlaat mij veel te zeer op mijne sterkte en mijne bekwaamheden, in plaats van op Dengene te bouwen, die alleen den zege veeleent. Daarom word ik ook zoo dikwijls ten schande mijner vijanden. Hoe smadelijk is mijn mistrouwen op Gods hulp in tijdelijke zaken, daar Hij mij toch oneindige dingen gegeven eu beloofd heeft. Mijn gebed is niet vervuld van kinderlijk vertrouwen, doch meestal met den twijfel verbonden, „zal God mij wel kunnen helpen?quot;

O allerbarmhartigste Vader in den hemel, heden maak ik het vaste besluit, van nu af aan mijn geheele vertrouwen te stellen op u. die om mijnentwille Uwen Beniggeborene niet gespaard hebt. Op het voorbeeld van den H. Antonius wil ik in al de noodwendigheden mijner ziel en mijns lichaams met geloovig vertrouwen tot U mijne toevlucht nemen. „Dit zij mijn vertrouwen op U, dat. wat ik U ook volgens uwen Wil vrage, gij mij zult verhooren. (Joh. 16, 42).

Gebed.

O H. Antonius, wiens vertrouwen op God, als 0]) eene rots gegrond was, en ds.t door zoo vele groote wonderen is beloond gewor-

8—........ét

- 38 —

ocr page 53

den, verhoor mijn veiirouwvol gebed en verkrijg voor mij de genade eencr onwankelbare hoop. van een vast vertrouwen, dat Gods barmhartigheid mij haven bijstand niet zal weigeren, wanneer ik met kinderlijk vertrouwen volgens Zijnen Wil daarom bid. Verlaat mij ook niet in deze aangelegenheid, die ik U door deze oefening bijzonder aanbeveel, voor zooverre derzelver vervulling God tot eer en mijner ziel tot nut strekken kan! Üm des te zekerder verhooring te vinden, wil ik de oneindige barmhartigheden van God jegens mij armen zondaar tot den volgenden Dinsdag dikwijls overwegen, ten einde vervuld te worden met onwankelbaar vertrouwen op Uwen en mijnen lieven Heer en Heiland, die met den Vader en den H. Geest, Goil gelijk Zij. leeft een regeert van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

Op den zevenden Dinsdag.

OTrrwt'ging van de christelijke sterkmoedigheid van den II. Antonhis.

„Handelt mannelijk en weest sterk!quot; vermaant de apostel (J. Kor. JO, 13), de H. An-tonius volgde deze woorden op en is zoo voor ons oen voorbeeld geworden in de christelijke sterkmoedigheid. die ons re minder moest ont-breken in deze tijden, naarmate het ongeloof in woord, schrift en daad zich meer heilloos op den voorgrond stelt.

ocr page 54

-0

De H. Antonius bewees zijne sterkte in verschillende gevallen. Hij was moedig' uitgetrokken om den marteldood te zoeken, en toen God hem eenen anderen, grooteren werkkring aangewezen had, toonde hij zich ook hierin als een dappere held van Jesus-| Christus. Met ware sterkmoedigheid trad hij de aanvallen der ketters, der roovers on der helsche boosheid tegemoet; zelfs moordaanslagen tegen zijn leven konden hem niet weerhouden van de ijverigste vervulling zijner plichten en hij zou zonder twijfel een bloedgetuige geworden zijn, zoo niet de alwetende God het steeds op wonderbare wijze verhinderd had.

Hij sprak onverschrokken voor Jesus en vreesde evenmin de vijandelijkheden der menschen als de onmachtige woede der hel. Weerloos en alleen als hij was, waagde de H. Antonius het onder de oogen te treden i van den verschrikkelijken tiran Ezzeliuo da Romano, dat monster van gruwzaamheid, voor wien gansch Opper-Italië sidderde, hem zijne gruweldaden met verwijzing naar Gods straffende gerechtigheid voor te houden en hem aan te sporen in zich te keeren en boete te doen.

Hoe zeldzaam is zulk een moed, dat zich iemand voor het heil zijner medemenschen eenen bijna zekeren dood zou willen wijden! En zie! de tiran vermocht niet te weerstaan aan de christelijke sterkmoedigheid van den heilige, hij deed der stad Padua geen leed en verschoonde haar, zoolang de heilige, die

ocr page 55

-g De 1). /ïntonius doet het wonder met den ezel

ter bekecring der ketters van Ï-Jimini. (Bladz. 33.)

■4*

ocr page 56

T

■

ocr page 57

hem de grootste hoogachting afgedwongen had, nog leefde, ofschoon hij nooit vermocht zijnen schandelijken levenswandel te verlaten.

Overweging en voornemen. Ben ik ook

zoo onverschrokken in de belijdenis als de H. Antonius? Ontbreekt mij niet dikwijls de moed, deze belijdenis in woord en daad af te leggen, tegenover spottende of valsche voorstellingen over Geloof en Kerk? Schrik ik er uit menschenvrees niet dikwijls voor terug, do geboden Gods en de voorschriften of heilige gebruiken der kerk na ;e leven? Ja helaas, ik ben een lafhartige of onverschillige christen, in een tijd, waarop ik geheel beslist mijne mcening moest blootleggen, om don zegewaan van het ongeloof te beschamen en den zwakken moed in te boezemen.

O Goddelijke Heiland, geef mij armzaligen zondaar kracht en sterkte, mijn vast voornemen te vervullen, om van nu af aan elke zondige zwakheid en menschenvrees uit mijn hart te verbannen; naar het voorbeeld van den H. Antonius zal niets meer in staat zijn mij er van af te schrikken mijn Geloof in weerwil van spotternij en vervolging openlijk te belijden.

Gebed.

O H. Antonius, onverschrokken held van Jesus Christus, die met heiligen moed den gruwzaamsten tiran tegemoet getreden zijt. verkrijg voor mij zwak schepsel de groote

ocr page 58

genade, daf ik in deze dagen des ongeloofs en der godsdienstige onverschilligheid sterk moge zijn in mijn katholiek Geloof, sterk in heilige trouw en vervulling mijner christelijke plichten! Draag ook zorg voor de bede, voor welker verhooring ik deze oefening ter uwer eere verricht! Om des te gemakkelijker genade te vinden, wil ik de volgende acht dagen doorbrengen in getrouwe opvolging der geboden van God en der Kerk, en met sterk en standvastig geloof belijden uwen en mijnen dierbaarsten Hoer en Heiland Jesus Christus, die met den Vader en den H. Geest, God gelijk Zij. leeft en regeert van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

Op den aehtsten Dinsdag1.

Over-wrging van de uiterlijke en innerlijke versterving van den //. Antonins.

„Het hemelrijk lijdt geweld, en slechts diegenen welke geweld gebruiken, zullen het binnengaan.quot; daarom verrichtte de H. Antonins zoo vele werken der innerlijke en uiterlijke versterving, ton einde het vleesch niet de heerschappij over zijnen geest en do hartstocht g-eene macht over zijne ziel te laten verkrijgen.

Hij wilde immers in alles een ware leerling van Jesus zijn, en zij, die aan Christus behooren, hebben,'gelijk de apostel zegt (Gal. 5, 24) „hun vleesch gekruisigd mot zijne

ocr page 59

zonden en begeerten,quot; Zoo ook de H. Antonius. Streng en talrijk waren de boetplegingen waaraan hij zijn lichaam, dat hij slechts zijn lastdier placht te noemen, onderwierp.

Hij kastijdde zich dikwijls met scherpe geejselslagen. gunde zich slechts karig voedsel en nauwelijks eenige uren rust. Ten einde zijne ziel geheel van het aardsche los te maken, was hem geen offer te zwaar, geen strijd te hard. Hij verstierf zijnen wil. doordat hij hem geheel aan den wil zijner oversten onderwierp, ja, toen hij zelf provinciaal geworden was, vroeg hij sieeds aan den guar-diaan van het betrokkene klooster om verlof, wanneer hij wilde uitgaan; bij alle gestrengheid jegens zich zeiven was hij steeds opge-ruimd eu bracht vreugdevol aan God het offer des geestes door zijnen ootmoed, des harten door zijne liefde en des lichaams door zijne versterving.

Bijzonder was de H. Antonius er op uit. door strenge tucht de glanzende lelie zijner heilige reinheid voor elke vlek te bewaren en elke neiging tot zinnelijkheid in haren oorsprong te onderdrukken. Voor dezen voort-dnrenden innerlijken en niterlijken krijgsdienst, beloonde de Heer hem reeds op deze wereld, doordat hij hem in de gedaante van een aanminnig kindje, door hemelsch licht omstraald, verscheen, hem liefkozend omhelsde en zich weder door hem liet liefkozen, gelijk de ; edelnianu Tiso te Padua zelf gezien eu onder eede betuigd heeft.

ocr page 60

m- -m | ®:—

Overweging en voornemen. Hoe weinig moeite gaf ik mij tot dusverre, om mijne

booze neigingen g-eweld aan te doen, mijne nit

hartstocliten te bestrijden! Mijn hart verlangt off

naar aardsehe eer. naar aardscli goed, naar on

vermaken en genot; dikwijls was mij reeds wi

de geringe boete, door den biechtvader op- da

gelegd, te veel, of de geringe versterving, die ge

de opvolging der kerkelijke vastengeboden st

van mij vergt. Wanneer ik ook al geen ze

teruggetrokken leven in een klooster kan leiden. hs

zoo heb ik toch overvloedig gelegenheid, om vs

mijnen hoogmoedigen geest te versterven. bi

doordat ik kleine onaangenaamheden metgeduld il

verdrage, mijnen eigenzin, doordat ik van een v

geoorloofd genot afstand doe; doch hoe zelden G

ben ik bereid het voorbeeld van den H. Antonius S:

te volgen. Hoe staat het met de deugd der v

heilige reinheid? Geef ik mij moeite, mijne o

zinnelijkheid to betengelen, matig in spijs en 11

drank te zijn, ten einde de begeerlijkheid geene i

heerschappij in mijn hart te laten krijgen? i Hoe meer ik mij zeiven onderzoek, des te

meer blijkt mij, dat ik tot dusverre den strijd 1

tegen de drievoudige begeerlijkheid hoogst nalatig gevoerd heb, heden echter, reinste en heiligste God, maak ik opnieuw het vaste voornemen. mijne zinnelijkheid door versterving van mijnen wil en mijns lichaams eenen sterken teugel aan te leggen, alles te vermijden en te vlieden, wat mijne deugd in gevaar zou kunnen brengen en steeds meer aan mijzelven af te sterven, om éénmaal met Christus te leven.

É

ocr page 61

Gebed.

O H. Aiitonius, tlie in ware zelfverloochening Christus gevolgd zijt en door groote offers van uit- en inwendige versterving eene onbevlekte reinheid en heiligheid hebt verworven, ik smeek in mijne zwakheid tot U, dat mij dour uwe machtige voorspraak de genade ten doel moge vallen, den zwaren strijd tegen de drievoudige begeerlijkheid zegevierend te doorstaan, mijn hart voor allen hartstocht te bewaren en door beteugeling van het vleesch mijne ziel kuisch en rein te bewaren. Neem ook die bede ter harte, welke ik U door deze oefening bijzonder aanbeveel, voor zooverre hare vervulling tot eer van God en tot heil mijner ziel strekken kan. Mijn streven zal tot aanstaanden Dinsdag vooral er op gericht zijn, door vrijwillige offers over mij en mijne zinnelijke neigingen meer macht te krijgen uit liefde tot uwen en mijnen Heer en Heiland Jesus Christus, Die met den Vader en den H. Geest, God gelijk Zij, leeft en regeert van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

Op den negenden Dinsdag.

Overweging 'i'an het zalige afsterven van den TI. Antonius.

Zijn geheele leven lang was de H. Antonius zoo te zeggen, reeds gestorven, want hij was aan de wereld en zich zei ven afgestorven.

ocr page 62

om geheel in Christus te leven. Daarom had de gedachte aan de scheiding van deze wereld en dit lichaam voor hem niets verschrikkelijks, maar vervulde hem met een des te grooter verlangen naar de eindelijke vereeniging met God. Door zijnen onvermoeiden apostolischen arbeid geheel van krachten beroofd en uitgeput, voelde de H. Antonius dat zijne aardsche uren geteld waren; hij liet zich derhalve in liet kloostertje Arcella bij Padua brengen, waar hij zijne engelreine ziel in de handen des hemelschen Vaders wilde teruggeven. Nadat hij daar, zittend op eenen stoel, daar hij het liggen niet meer kon verdragen, gebiecht had, bad hij met de brooderen de boetpsalmen en zong daarop geheel alleen zijne lievelingshymne aan de allerzaligste Maagd, ilie hij steeds met kinderlijke liefde vereerd had. Hierop ontving hij het H. Oliesel: dan scheen zijn aangezicht als met bovenaardschen glans omstraald, en toen een der omstaanders hem daarover ondervroeg, sprak hij met verstaanbare stem: „/X' ZÜ' mijnen GW.quot; Aldus besloot de H. Antonius in den voorsmaak der hemelsche zaligheid zijne korte, aardsche loopbaan van nog niet geheel zes cn dertig jaren. Het icns Op den 13 J'ini welke

dag, als de geboortedag des heiligen voor den hemel, reeds in het volgende jaar feestelijk kon gevierd worden, daar hij toen reeds door tien paus onder het getal der heiligen opgenomen was.

Getroost kon de H. Antonius op zijn sterf-

ocr page 63

bed met den apostel zeggen: „Ik heb eenen goeden strijd gestreden, f.et geloof bewaard; voorts is voor mij weggelegd de kroon der gerechtigheid, die mij op dien dag de Heer geven zal. de rechtvaardige Rechterquot; (2. Tim. 4. 7, 8). En inderdaad heeft de heilige haar reeds op zijnen sterfdag ontvangen, want hij verscheen onmiddelijk na zijn afsterven aan den abt van Vercelli, een zijner leerlingen, en zeide tot hem; „Tk ga thans naar mijn vaderland.quot; God zelf echter liet zijnen dood wonderbaar in Padna bekend maken, doordat plotseling de kleine kinderen, zonder daarvan iets te weten, de straten der stad met het geroep vervulden; „De heilige pater is gestorven. de heilige Antonius is dood.quot;

Overweging en voornemen. Alle mon-schen moeten sterven, maar niet allen sterven zoo als de H. Antonius. Waarom dan niet? Wijl slechts op zulk een heilig leven, als hij geleid heeft, zulk een zaligen dood volgen kan. Wil ik derhalve goed sterven, dan moet ik mij door een christelijk leven daarop voorbereiden — en ik moet goed sterven — wanneer ik niet voor eeuwig verloren wil gaan. Waar zoude ik heen komen, wanneer de Hoer mij heden afriep -— nu — in dit oogenblik? O. hoe kan ik zoo dwaas zijn, te leven, als of ik immer op deze aarde bleef, zoo zelden er aan te denken, hoe vreesselijk en verschrikkelijk het is, onvoorbereid in de handen van den levenden God te vallen!

ocr page 64

O Barmhartige Vader in den hemel, ik dank U. dat Gij mij nog tijd vergund hebt. om mij tot een zalig sterfuur voor te bereiden. Met het oog op het door hemelschen glans omstraalde sterfbed van den H. Antonius neem ik mij heden met allen ernst voor, naar zijn voorbeeld, mijn leven als eene voorbereiding tot eenen zaligen dood te beschouwen en daarnaar in te richten, dikwijls aan de vier uitersten te denken en bijzonder de zware zonde, die de angel des doods is, te vermijden.

Gebed.

O H. Antonius, die reeds op den dag van uw zalig afsterven in de hemelsche heerlijkheid binnengetreden zijt, zie van uit uwe eeuwige glorie genadig op mij neder en verkrijg mij bij den troon van God de genade, dat ik voor eenen haastigen en onvoorzienen dood bewaard blijve en eens, wel voorbereid door een christelijk leven, zalig in den Hoer sterven moge! Neem ook de aangelegenheid ter harte, voor welke ik deze oefening ter uwer eere bijzonder begonnen en, door uwen g'oed-gunstigen bijstand, heden voleindigd heb. Verhoor mij. heilige wonderdoener van Padua, en verkrijg voor mij datgene, waarom ik met vurigheid des harten bid. door uwe machtige voorspraak!

Echter in alles geschiede Gods heiligen Wil! Om des te eerder genade te vir.den, wil ik de voornemens, die ik in deze negen Dinsdagen gemaakt heb, heden weder oprecht

amp;■

ocr page 65

ik vernieuwen en ze opofferen aan het goddelijk

bt. Hart van Uwen en mijnen geliefden Heer en

en. Heiland, Die met den Vader en den H. (ieest,

ms God gelijk Zij, leeft en regeert van eeuwigheid

3m tot eeuwigheid. Amen.

'jn ng-en

ei. Besluit der oefening.

re 0 H. Antonius. minzame trooster der be-n. drukten, ik heb heden de negen Dinsdagen ter uwer eere voleindigd en U naar krachten trouw en ijverig gediend. Gij weet, hoe n dijkwijls ik voor uw beeld op de knieën geel legen heb, hoe vele gebeden ik tot U in den e hemel heb opgezonden, alles in kinderlijke j liefde tot U, aan wien deze oefening zoo r welgevallig is.

I Derhalve kom ik dan op dezen laatsren

i Dinsdag nog eenmaal vol vertrouwen tot I!

i en bid U nederig om het loon ecner genadige

verhooring, dat gij zelf eens aan uwe vereerster te Bologna voor deze oefening beloofd hebt. O. laat ook aan mij onwaardigen smeekeling uw woord in vervulling gaan. laat ook mij in mijne aangelegenheid verhooring vinden, o liefderijke H. Antonius, die gedurende uw geheele loven zooveel medelijden voor allo lijden uwer broederen betoond hebt. Ga voor mij naar den troon van den Godde-lijken Heiland, Wiens zoetste Hurt U geene bede zal weigeren, daar gij het zoo teeder j bemind en bij Hem zoo innige wederliefde

- 49 -

I

ocr page 66

gevonden hebt, g-a er heen voor mij en mijn smeeken zal verhoord worden! Zoude het echter Gods H, Wil niet zijn, ach, zoo wil dan 0|) andere wijze mij armen zondaar, die in zoo vele dingen hulp noodig heb, deze oefening vergelden!

Dat is mijne hoop eu toeverlaat, o hemelsche schutspatroon der bedrukten, dat ik, daar ik op U mijn vertrouwen gesteld heb, niet beschaamd zal worden. Amen.

Dankzegging voor bekomen voorbede.

O liefderijke H. Antonius, met vreugde heb ik vernomen, dat niemand vergeefs zijne hoop op U stelt, niemand in zijnen nood vergeefs om uwe hulp vraagt, niemand ook met ijdel toeverlaat U tot voorspreker kiest. Met vertrouwen heb ik gehandeld en den moed niet verloren, en gij zijt mijn helper geworden; omdat gij voor mij gebeden hebt, heeft de Goddelijke Barmhartigheid zich naar mij toegewend en mij in mijnen nood getroost. Hoe dank ik U uit de volheid mijns harten voor die groote weldaad, die gij mij thans wederom bewezen hebt. hoe dank ik U voor de verhooring mijner aangelegenheid, die gij voor mij bij de Goddelijke Barmhartigheid bewerkt hebt! Versmaad de geringe dankzegging niet, die ik U in mijne armzaligheid aanbied, en laat U de noodwendigheden mijner ziel en mijns lichaams ook voor de

ocr page 67

toekomst aanbevolen zijn. Laat ook mijne groots vereering tot U nimmer ophouden, iloch, met liet oog op uw milde g-oedheid, steeds nog toenemen en aangroeien.

ü echter, prijzenswaardigste Heer des hemels en der aarde, zij duizendvoudigen dank gebracht, dat gij mij ter wille der voorspraak en om de verdiensten van uwen trouwen dienaar, genade en erbarming hebt laten vinden! IJ zegent mijne ziel voor die bewijzen Uwer vaderlijke goedheid. U loof en prijs ik met den H. Antonius nu en in alle eeuwigheid. Amen.

ocr page 68

De Responsoriumoefening'

Lcr vereering van den 11. Antonius van Padua.

Morgengebed op den Dinsdag.

() Dienaar Gods, H. Antonius, bij liet aanbreken van dezen dag groet ik U en weiiscli U toe, dat gij heden in de geheele katholieke wereld moogt gxloofd. vereerd en aangeroepen worden. Laat mijne ziel zich wederom verheugen in uwe liefdevolle goedheid, opdat U mijn mond met jubelende lippen prijze, want gij zijt mij steeds oen voorspreker en helper geweest. Aan U hangt mijn hart. uwe hand hield mij staande in zoo vele noodwendigheden en bekommeringen, die mij omringen. Vergeefs vervolgen mij de vijanden mijns hoils, zij zullen in de diepten der aarde verzinken, indien gij mij bijstaat, zegevierende tegenstander der liel en der wereld ! ik echter zal mij in U verheugen. H. Antonius bid voor mij en zegen mij van uit de hoogte des hemels, verwerf voor mij, dat Gods

ocr page 69

genade mij verlichte en zich mijner ontferme in alle moeiten en wederwaardigheden van dit leven! Ik echter wil dezen dag goed er naar trachten, in navolgi ig van U voor den Heer te leven, voortdurend aan het heil mijner ziel te denken en voroal mijn hoofdgebrek .... te bestrijden.

Zoo wijd ik dezen dag aan uwen dienst, in de overtuiging, daardoor ook Dengene te eeren, Wien alleen alle eer en heerlijkheid toekomt, Dien gij met eene éénige liefde al de dagen uws levens gediend hebt, den drieeenigen, alierbarmhartigsten God, Die leeft en regeert van eeuwigheid tot. eeuwigheid. Ameu.

Responsorium

ter eere van den H. Antonius.

(Van dm H. Bonaveutura.)

Indien gij ivilt mirak'len vinden: Ellende, dood en ketterij Melaatschheid, dniv'len zelfs verzieinden. De zieke wordt gezond en blij.

De zee en kluisters vallen neder.

En jong en oud vindt door zijn maeht Gezonde ledematen weder,

' T verloor'ne wordt terug gebracht.

- 53 —

ocr page 70

Gevaren, nood en ramp verzwinden; Dit melde Padua's geslacht.

En zij, die 't mochten ondervinden. Verkonden luide zijne macht.

De zee en kluisters enz.

(als voren de vier verzen voluit.)

Eere zij den Vader en den Zoon en den Heiligen ( reest.

De zee en kluisters enz. (als voren.)

V. Bid voor ons H. Antonins!

R. Opdat ïi'ij waardig worden der beloften van

(liristns.

Laat ons bidden !

Laat, o God. uwe kerk zich iu de dankbare en vertromvvolle herinnering aan Uwen heiligen belijder verheugen, opdat zij met geestelijke hulinniddelen steeds beschermd moge zijn en verdiene tot het genieten der eeuwige vreugde te geraken. Door Christus onzen Heer. Amen

(Z. H. Paus Pius IX. heeft op den 25. Januari 1866 aan alle geloovige christenen eenen aflaat van Jou dagen verleend, zoo dikwijls zij dit Responsorium- met aandacht bidden, en enen volkomen aflaa*. wanner zij gedurende eenen vollen maand hetzelve dagelijks bidden, op eenen dag naar believen van dien maand, onder de gewone voorwaarden: H. Biecht en communie, kerkbezoek en aflaatgebed.)

54

ocr page 71

Bloemenkrans

van gebeden om het Responsorium.

Wilt gij wondrcn, vrome scharen.

Roe pc Antonnis dan im' stem;

Weinig die hem evenaren.

Want de dood zelfs wijkt voor hem.

0 Roemvaardige H. Antonius, die door uw bij God alles vermogend gebed verscheidene afgestorvenen tot het leven des lichaams en nog meer geestelijk daoden tot het leven der ziel hebt opgewekt, kom mij armzaligen zondaar te hnlp, bewaar mij door uwe machtige voorspraak voor eenen haastigen en onvoorzienen dood. behoed mij voor don schrikkelijken dood der ziel door de doodzonde, opdat ik het leven in de genade van God hebben en het nooit dour eigene schuld verliezen moge!

Onze Vader, Wees gegroet. Eere zij den Vader.

Ziende maakt hij de verblinden.

Voert hen weer op't pad der plicht,

Rn de diva ling moet verzwinden I 'oor den luister van zijn licht.

Talrijk zijn de dwalingen en misstappen van mijn voorgaand leven; zoo dikwijls ben ik van den rechten weg afgedwaald en te kort geschoten in de aan God en den naaste verschuldigde liefde. 0 H. Antonius, groote leeraar en verkondiger der waarheid, wiens

ocr page 72

woord en wonderwerken tallooze dwalenden en zondaars tot het ware geloof en het leven in Christus hebben teruggebracht, verdrijf, met dat hemelsche licht, dat u omstraalde, toen gij het kind .lesus in uwe armen hieldt. alle duisternissen uit mijne ziel en geleid mij op het pad der waarheid, des lichts en der genade!

Onze Vader. Wees gegroet. Eere zij den Vader.

Sint Antonius helpt ons armen In den nood en 't ongelzik;

Lijf en zie! redt zijn erbarmen Uit het lijden en den druk.

0 liefderijke H. Antonius, ware en hulpvaardige vriend aller ongelukkigen, wees mijn beschermer tegen alle onheil, dat mijne ziel of mijn lichaam zou kunnen overkomen! Sta mij bij, wanneer de droefheden van dit tranendal mij beangstigen, verlaat mij niet in mijne zorg en nood, wanneer ik met ootmoedig vertrouwen tot U smeek, bijzonder echter bewaar mij voor het schrikkelijke ongeluk van terug te vallen in de doodzonde!

Onze Vader, \Vi!es gegroet, Eere zij den Vader.

Helse he macht deed hem niet sagen, Hij bood roemrijk tegenstand, ;

Aller duivlen list en lagen

Maakt zijn zegen nog te schond.

O H. Antonius, geweldige tegenstander der hel. wier poorten U niet kouden over-

ocr page 73

woldigeii, verjaag van mij alle verblindingen van de onreine geesten! Triomfeerende vor-winnaar der duivelen, sta op, om mij te helpen, nwe kracht make mij sterk, den satan op de vlucht te jag'en, wanneer hij met de verlokkingen van /.ondige begeerten mijn hart misleiden of mijne ziel met vertwijfeling over de zwaarte der schuld van begane zonden wil beang'stigen ! Leen mij uwen sterken arm in den strijd regen alle vervolging en aanvallen van dnivelsche boosheid en arglist.

Onze Vader, Wees gegroet. Eere zij den Vader.

/.t'lfs m e la at s c h he i ii kan hij hrcleu,

Elkt' i'Irk aan ziel en lijf.

////, wiens schoone ziel zoovelen Deugden ivas tot woonverblijf.

Groot is do. hardnekkigheid mijner booze neigingen en mijn hart is bevlekt door de gebreken mijner overgroote zwakheid. O H. Antonius, glanzende lelie der hl. knischheid. reinig door do kracht dezer onvergelijkelijke deugd ook mijne ziel van alle vlekken der melaatschheid, die zondige gewoonten daarin teruggelaten hebben, bewaar mij voor de besmetting der begeerlijkheid, op dat mijn hart door uwen bijstand, van de afschuwelijkste aller zonden bevrijd moge blijven!

Onze Vader, Wees gegroet, Eere zij den Vader.

ocr page 74

Zijne voorspraak geeft den kranke )i Krachten en gezondheid weer.

Dat zij zelf hem komen danken Tn het Godshuis hem ter eer.

H. Antonins. beproefde arts der ziel en des lichaams, ik ontbloot voor U de -wonden van mijn hart. De kracht uwer verdienste be werk e altijd de genezing mijner geestelijke eu lichamelijke ziekten en beware voor mij armen zondaar de gezondheid mijner ziel en mijns lichaams. opdat ik tijd en kracht moge hebben waardige vruchten van boete voort te brengen! .

Onze Vader, Wees gegroet. Eere zij den Vader.

Sint Antonius dc goede

Hoort der schippers beden aan. En bedaart der golven woede hl de ziel, op d' oceaan.

O machtige schutspatroon dor zeevarenden, van welken gij zoovclen, die uwen bijstand inriepen, uit de stormen in de veilige haven gered hebt, laat u ook hol scheepje mijns levens, dat de stormachtige zee der zonden eu hartstochten dreigt te verslinden, aanbevolen zijn! Talm niet! mij uwe wonderdadige hand toé te reiken en mij te redden uit deze wilde golven in de zekere haven van den aardschen eu ook eenmaal iu die des hemelschen vredes!

Onze Vader, Wees gegroet, Eere zij den Vader.

ocr page 75

Kin's tc r s hrrft hij afgenomen,

yieklooze onschuld hoedde hij;

Die in zonden tot hem komen.

Maakt hij van hun zonde vrij.

De hel, de wereld en het eigene vleesch trachten mij met zulke banden te ketenen, dat het mij, wiens wil zoo zwak en tot zonden geneigd is, bijna onmogelijk voorkomt, dezelven te ontgaan. O H. Antonius, milde beschermer aller bedrukten, laat mij niet ten schande worden voor mijne vijanden! Uwe machtige voorspraak zal mij de kracht verwerven, die banden te verbreken, waarmede de begeerlijkheid mijne ziel wil kluisteren, en mij bevrijden uit de vervolging van al mijne vijanden.

Onze Vader, Wees gegroet, Eere zij den Vader.

Lammen, kreuplen gaf hij teeder

Het gebruik van hand en voet;

Nos; schenkt hij die gunsten weder Aan wie smeekend tot hem spoedt.

H. Antonius. groote wouderdoener, die voor zoovelen van God de genezing hunner gebreken verworven hebt, neem genadiglijk ook mijne lichamelijke en vooral mijne geestelijke gebreken ter harte! Verkrijg voor mij, dat ik de ledematen van mijn lichaam steeds ter eere van God en tot heil mijner ziel besture en gebruike en ze nooit in de schandelijke dienstbaarheid der zonde en der zinnelijkheid late geraken, opdat ik mijn lichaam steeds

8----

- 59 -

ocr page 76

als een tempel van den H. Geest, beschouwen en bewaren ino^e 1 t

Onze Vader. Wees gegroet, Eere zij den

Vader.

Zoekt ge iets mr/ gr niet knul vinden.

Bid den Heilige ter eer*

Eu tra' onrust zal véramp;winden:

Hij brengt het ver lo or ne weer. O H. Antonius, door de irelieele katholieke wereld als wonderbare wederbrenger van verlorene zaken vereerd en geprezen, laat mij I door uwe werkzame voorbede de groote genade, erlangen, dat ik het kostbare goed dei heilig-makende genade, dit onwaardeerbare kleinood mijner ziel, nooit moge verliezen! Zonde ik haar echter door mijne eigene schuld verliezen, o, haast U dan mij te helpen, opdat ik haar wedervinde en van nu af aan beter bewaie.

Onze Vader, Wees gegroet, Eere zij den Vader.

Jong en oud, paleis en stulpe.

Spreken wonderen ervan Wat geschied is door de hulpe

Van den groote n IVo nde r m a n.

Er is niemand, het mog'en jongelingen ot grijsaards, gezonden of zieken, rechtvaardigen of zondaars zijn, die tot U. o H. Antonius, geroepen en uwen bijstand niet ondervonden heeft. Gij zijt evenals de zon, die hare weldadige stralen gelijkerwijze over de edel-steenen der kroon en de kiezelsteenen der

ocr page 77

i_

ocr page 78

63-

ocr page 79

straat uitstort. Wie ook tot U bidt, ieder ontvangt. O, zegen ook mij onwaardige door Uwe liefdevolle voorbede, opdat ik alles wat tot heil mijner ziel of mijns lichaams noodig is. van de Goddelijke barmhartigheid genadiglijk moge bekomen'.

Onze Vader, Wees gegroet. Eere zij den Vader.

A/s ent redder in gevaren Stond de Heilige bekend;

Die in leed en doodsangst ivaren Gaf hij 7/if komst in de elle/id.

In de vele groote gevaren, waarmede mijn heil dag voor dag door zichtbare en onzichtbare vijanden bedreigd wordt, neem ik mijne toevlucht tot U. o H. Antonius, die aan zoovelen steun en bescherming verleend hebt ; verwijder van mij alle gevaren naar ziel en lichaam! Uwe zegenrijke hand bevrijde mij nir alle onheil en geleide mij veilig op den met zooveel moeielijkheden bezaaiden weg, die ten leven voert, in het ware. hemelsche Vaderland!

Onze Vader, Wees gegroet, Eere zij den Vader.

Neen, geen nood, geen soort van lijden* Dat zijn toevlncht tot hem nam,

IVaar hij niet met troost verblijden Of met sterkte helpen kwam!

H. Autouius, zoetste trooster aller treurigen, laat ook mij aan die ontelbare gebedsver-

ocr page 80

®3—

hooringen, die God verleent aan al degenen, die vol vertrouwen U aanroepen, deel hebben en verkrijg voor mij van den Gever van alle goed. hetgeen mijne lichamelijke en geestelijke nooden vereischen! Help mij, dat ik in do verdrukkingen der ziel en des liohaams niet ten gronde ga. sta mij bij in alle moeielijke omstandigheden van dit leven!

Onze Vader. Wees gegroet. Eere zij den Vader.

Padua's toU\ gij kunt bereeknen Welk een glorie God hem gaf;

Meld het luid. wat w on der te e k ne n Nog geschieden ofi zijn graf!

O gloiievolle H. Antonius! de onmondige kinderen van Padua hebben U op uwen zaligen sterfdag als heilige verkondigd, de geheele stad was en is nog getuige der vele groote wonderen, waardoor de Almachtige uwe heilige relikwiën tot op den huidigen dag verheerlijkte. Moget gij, die U aan de bewoners van Padua als een liefdevolle patroon in dit en het andere leven bewezen hebt, U ook jegens mij steeds als eenhemelsche beschermheer en zaakwaarnemer betoonen! Sta mij bij als een schutsengel in alle gevaren en nooden van dit jammerdal, verkrijg mij door uwe machtige voorbede, waarom ik U met kinderlijk vertrouwen vraag, dat mijne ziel. die zoo arm aan deugd en zoo rijk aan zondenschuld is, om der wille uwer verdiensten deelachtig moge worden aan de Goddelijke

ocr page 81

s-

g-enade en erbarming-. O heilige wonderdoener van Padua, bid vooral voor mij om do groote genade der standvastigheid tot aan het einde, opdat ik waardig moge bevonden werden, eenmaal van aangezicht tot aangezicht Dengene te mogen aanschouwen, Dien gij op uwe armen mocht houden en die U met het gewaad der hemelsche heerlijkheid bekleed heeft, Jesus Christus, uwen eu mijnen geliefden Heer en Heiland, die leeft en regeert met God den Vader in vereeniging met den H. Geest God van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

— 63 -

ocr page 82

Misgebeden

ter ccrc van den H. Antonius.

Q

Gebed aan den voet des altaars.

Tn den naam -J- des Vaders f des Zoons en f des H. fteestes. Amen.

Ik belijd voor God almachtig, de allerzaligste maagd Maria, den H. Aartsengel Michael, den H. Johannes den Dooper, de H. H. Apostelen Petras en Paulus, den H. Antonius, en alle heiligen, dat ik veel en dikwijls gezondigd heb in gedachten, woorden en werken door mijne schuld, door mijne eigene schuld, door mijne eigene grootste schuld.

Daarom bid ik de allerzaligste Maagd, den H. Aartsengel Michaël, den H. Johannes den Dooper. de H. H. Apostelen Petrus en Paulus, den H. Antonius, en allo He;.ligen, den Heer onzen God voor mij te willen bidden.

Ik bid U, almachtige God, door de verdiensten uwer heiligen, bijzonder van Uwen heiligen belijder Antonius, mij al mijne zonden

Q-

- 64 -

ocr page 83

I te willen wegnemen, opdat ik met een rein hart het heilig misoffer bijwonen en aan deszelfs vruchten deelachtig worden moge. Door Christus onzen Heer. Amen.

Introïtus.

Psalm 36. Het aangezicht des rechtvaardigen zint op wijsheid en zijne tong spreekt waarheid, de wet des Heeren is in zijn hart. Eere zij den Vader en den Zoon en den H. Geest, gelijk het was in den beginne, nu en altijd en in eeuwigheid. Amen.

Heer! om wille d 3r deugden van den H. Antonius ontfermt U onzer!

Christus I om wille der liefde van den FT. Antonius ontfermt U onzer!

Heer! om wille der verdiensten van den H. Antonius ontfermt U onzer!

Gloria.

Goedertierenste Jesus, weerglans der glorie des Vaders, vreugde en verlangen van don H. Antonius, leer mij Uwen wil te doen. gelijk hij hem ten allen tijde gedaan heeft, opdat ik, door Uwen milden Geest geleid, tot dat zalige verblijf geraken moge, waarheen de H. Antonius eens jubelend gegaan is, en dien vrede vinden moge, dien hij in Uwe hemelsche heerlijkheid gevonden heeft, waar Gij met den Vader en den H. Geest loeft en regeert in onvergankelijke glorie. Amen.

ia----

— H5 —

ocr page 84

Gebed.

Almachtige, eeuwige God. die Uwen voem-waardigen belijder, den zaligen Antonius door zoo grooten glans van wonderwerken hebt verheerlijkt; verleen genadig, dat wij datgene, wat wij door zijne verdiensten met vertrouwen vragen, door zijne voorbede verkrijgen mogen. Door Christus onzen Heer. Amen.

Epistel.

(Eccl. 31, 8-11.)

Gelukkig de rijke, die vlekkeloos bevonden werd en die het goud niet najoeg, en zijn vertrouwen niet stelde op geld en schatten. Wie is deze, opdat wij hem prijzen: want in zijn leven heeft hij gedaan wat hewonderens-waardig is.

Wie daarin beproefd werd. en volmaakt is bevonden, eeuwige roem zal hem geworden; hij kon zondigen, en zondigde niet; hij kon het kwade doen, en deed het niet;

Daarom zijn zijne goederen verzekerd bij den Heer, en de gansehe gemeente der heiligen zal zijne aalmoezen met lof vermelden.

Evangelie.

(Math. 5, 13-19.)

Ten dien tijde sprak Jesus tot zijne leerlingen;

Gij zijt het zout der aarde. Doch, indien het zout zijne kracht verliest, waarmede zal

ocr page 85

het gezouten worden? Het is tot niets meer goed. dan om weggeworpen en van de menschen vertreden te worden. Gij zijt het licht der wereld. Eeue stad, die op eenen berg is gelegen, kan niet verborgen worden. Ook ontsteekt men geen licht, en plaatst hetzelve onder de korenmaat, maar op den kandelaar, opdat het voor allen schijne, die in het huis zijn. Alzoo schijne uw licht voor de menschen, opdat zij uwe goede werken zien, en uwen Vader verheerlijken, die in den hemel is.

Vermeent niet, dat ik gekomen, om de wet of de profeten te niet te doen. Ik ben niet gekomen om dezelve te niet te doen, maar om ze te vervullen. Want voorwaar, ik zeg' U: Totdat hemel en aarde zullen voorbijgaan, zal er geen letter of stipje van de wet vergaan, tot dat alles zal gescliied zijn. Die derhalve één van de kleinste geboden te niet doet. en de menschen alzoo leert, zal de geringste in het rijk der hemelen genoemd worden ; maar die dezelve doet en leert, die zal groot in het rijk der hemelen genoemd worden.

Offertorium.

Neem aan, o hemelsche Vader, almachtige eeuwige God, deze gaven van brood en wijn, die wij met den dienaar des altaars in den geest van ootmoed en met een berouwvol hart U aanbieden, opdat dezelve, in het lichaam en bloed Uws eeniggeboren Zoons,

ocr page 86

-.—--—-a

des eeuwigen Hoogepriesters. veranderd, ons heil op aarde vermeerderen en bevorderen mogen.

Door de heilige reinheid, niet welke Gij uwen uitverkoren dienaar Antonius versierd hebt, en die hij, als eene lelie onder de doornen bewaard heeft, laat ons naar ziel en lichaam rein blijven, en door de macht zijner voorbede, op welke Gij zoo vele en groote wonderen hebt uitgewerkt, verander onze lauwheid in ijverige liefde en onzen hoogmoed in ootmoedige gehoorzaamheid, opdat wij met zijnen bijstand al onze gebreken en hartstochten bedwingen en hier en hiernamaals Uwe barmhartigheid danken mogen.

Neem aan, o allerheiligste Drievuldigheid, dit offer, dat wij U met den priester aanbieden ter gedachtenis aan het lijden, de verrijzenis en hemelvaart van Jesus Christus, onzen Heer en Heiland, als ook ter eere der altijd reine maagd Maria, den H. Antonius en alle heiligen, opdat het hun ter eere, ons echter tot heil strekke, en opdat in den hemel diegenen onze voorsprekers mogen worden, wier aandenken wij op aarde vieren, door denzelfden Christus, onzen Heer. Amen.

Prefatie.

Het is in waarheid, betamelijk en billijk, plichtmatig en heilzaam, dat wij altijd en overal U danken, heilige Heer, almachtige Vader, eeuwige God en U in de vcrecring van

uwen zaligen belijder Antonius loven, zegenen ------®

- 68 -

ocr page 87

en prijzen, wijl hij Uwen Eenig-geborene op de armen gedragen, voor zijnen dood gezien, en tot loon zijner deugden en verdiensten, Jesns Christus onzen Heer van aangezicht tot aangezicht aanschouwt in do hemelsche glorie. Door wien de Aartsengelen Uwe Majesteit loven, de Machten haar aanbidden, de Hemelen en de zalige Serafijnen met eenstemmige vreugde haar vereeren.

Met de hunne, laat, bidden wij U. ook onze stemmen zich vereenigen, en met ootmoedige belijdenis spreken;

Heilig, heilig, heilig is de Heer God van Sabaoth! Hemel en aarde zijn vol van zijne heerlijkheid. Gezegend zij Hij die komt in den Naam des Heeren !

Memento.

H. Antonius, door wiens woorden en werken zoo vele verlorene zielen den ingang tot het leven wedergevonden hebben, draag ons gebed in het heiligdom, waar de verhooring is, en breng' ons daaruit de verzoening mede. Laat alien, die uwen naam eeren. uwen bijstand vinden; uwe medelijden ruste op de bedroefden, uwe goedertierene liefde op allen, die nog in dit tranendal buiten het

ware vaderland leven, bijzonder.......

! (noem hier de levende personen, voor wien gij wilt bidden!) Breng, daar gij in de hemelsche vreugde woont, onze gebeden en zuchten voor Gods aanschijn en verkrijg van Hem, Pie U in dit en in het andere leven

S------------

— B9 - n»

ocr page 88

des eeuwigen Hoogepriesters. veranderd, ons heil op aarde vermeerderen en bevorderen mogen.

Door de heilige reinheid, met welke Gij uwen uitverkoren dienaar Antonius versierd hebt, en die hij, als eene lelie onder de doornen bewaard heeft, laat ons naar ziel en lichaam rein blijven, en door de macht zijner voorbede, op welke Gij zoo vele en groote wonderen hebt uitgewerkt, verander onze lauwheid in ijverige liefde en onzen hoogmoed in ootmoedige gehoorzaamheid, opdat wij met zijnen bijstand al onze gebreken en hartstochten bedwingen en hier en hiernamaals Uwe barmhartigheid danken mogen.

Neem aan, o allerheiligste Drievuldigheid, dit offer, dat wij U met den priester aanbieden ter gedachtenis aan het lijden, de verrijzenis en hemelvaart van Jesus Christus, onzen Heer en Heiland, als ook ter eere der altijd reine maagd Maria, den H. Antonius en alle heiligen, opdat het liun ter eere, ons echter tot heil strekke, en opdat in den hemel diegenen onze voorsprekers mogen worden, wier aandenken wij op aarde vieren, door denzelfden Christus, onzen Heer. Amen.

Prefatie.

Het is in waarheid, betamelijk en billijk, plichtmatig en heilzaam, dat wij altijd en overal U danken, heilige Heer, almachtige Vader, eeuwige God en U in de vereering van u'Lt'en zaligen belijder Antonins loven, zegenen

- 68 —

ocr page 89

cn prijzen, wijl hij Uwen Eeniggeborenc op de armen gedragen, voor zijnen dood gezien, en tot loon zijner deugden eu verdiensten, Jesns Christus onzen Heer van aangezicht tot aangezicht aanschouwt in de hemelsche glorie. Door wien de Aartsengelen Uwe Majesteit loven, de Machten haar aanbidden, de Hemelen en do zalige Serafijnen mot eenstemmige vreugde haar vereeren.

Slet de hunne, laat, bidden wij U. ook onze stemmen zich vereenigen, en met ootmoedige belijdenis spreken:

Heilig, heilig, heilig is de Heer Ood van Sabaoth! Hemel en aarde zijn vol van zijne heerlijkheid. Gezegend zij Hij die komt in den Naam des Hoeren !

Memento.

H. Antonius, door wiens woorden en werken zoo vele verlorene zielen den ingang tot het leven wedergevonden hebben, draag ons gebed in het heiligdom, waar de verhooring is, en breng ons daaruit de verzoening-mede. Laat allen, die uwen naam eeren. uwen bijstand vinden; uwe medelijden ruste op de bedroefden, uwe goedertierene liefde op allen, die nog in dit tranendal buiten het

ware vaderland leven, bijzonder.......

(noem hier de levende personen, voor wien gij wilt bidden!) Breng, daar gij in de hemelsche vreugde woont, onze gebeden en zuchten voor Gods aanschijn en verkrijg van Hem. Die U in dit en in het andere leven

ocr page 90

door den ?laiis van zulke wonderwerken verheerlijkt heeft, dat Hij om wille uwer verdiensten en voorspraak de heilige katholieke Kerk in vrede bewaren en beschermen moge. en onzen pans X. N. en onzen bisschop N. NT. alsook ons allen verleene, dat wij in alles nwe hulprijke bescherming deelachtig worden. Door Christus onzen Heer. Amen.

Consecratie.

O goedertieren, o milde, o zoetste Josns! Eeuwige Hoogepriester, oneindig Otter, ik geloof. dat Gij hier waarlijk als God en als Menscli tegenwoordig zijt.

Ik aanbid U. Ik bemin U van ganscher harte. Ik offer mij aan U op en schenk mij aan U.

Uwe Wonden zijn mijn heil. Uw Bloed is de prijs mijner verlossing. Uw kostbaar Bloed kome'over mij en make mij gezond naar ziel en lichaam.

O Jesus, voor U leef ik!

0 Jesus, voor U sterf ik!

0 Jesus, de Uwe ben ik in leven en dood! Amen.

Na de Consecratie.

(H. Bernardus).

Zie neder, o Heer. hemelsche Vader, van uit Uw heiligdom en Uwe hemelsche woonplaats en aanschouw dit hoogheilige offer, dal onze Hoogepriester, Uw Goddelijke Zoon,

ocr page 91
ocr page 92
ocr page 93

voor de zouden Zijner broederen TJ brengt, en toon TJ vergevingsgezind jegens onze veelvuldige boosheid! Zie de stem des bloeds van Jesus roept van liet kruis tot U. Aanzie, o Heer. het aangezicht van Christus, die gehoorzaam geweest is tot in den dood, en Zijne onvergankelijke, glorievolle wonden mogen U zeggen, welke voldoening Gij voor onze zonden hebt ontvangen. — O Goddelijke Verlosser, gelijk Gij het brood en den wijn in Uw lichaam eu bloed en bij het offer des kruizes den toorn van God in barmhartigheid veran- j derd hebt, zoo verander ook mij en alle zondaars en maak ons gelijkvormig aan U, j die leeft en regeert met God den Vader in vereeniging met den H. Geest God van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

Gedenk, o Heer. degenen, die rusten in de

hoop der zalige verrijzenis, bijzonder.....

(noem hier de namen der afgestorvenen, die gij wilt insluiten!) eu verleen hun door de voorspraak van Uwen zaligen belijder Anto-nius, welke ik voor de arme zielen in het vagevuur vuriglijk inroep en afsmeek, dat zij deelachtig mogen worden aan de vruchten van dit hoogheilige offer, en in de woning des lichts en des vredes, waar geene droefheid meer is. binnen mogen gaan!

Schenk ook aan ons arme zondaars, wijl wij op Uwe ontferming hopen, de gemeenschap der verdiensten Uwer heiligen en de navolging hunner deugden, opdat wij door de kracht

ocr page 94

m-------------------------m

hunner voorbede, bijzonder die des H. Anto-nius. van nu af aan in Uwe genade leven en eenmaal in hun zalig gezelschap geraken mogen. Door Christus onzen Heer. Amen.

Bidt daarop met den priester het „O/tz,-Vader.quot;

Voor de H. Communie.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden dei-wereld, ontfermt TJ mijner, door de deugden van de H. Antonius.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontfermt U mijner, door de verdiensten van den H. Antonius.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, geef ons den vrede, dien Gij den H. Antonius hier en in het andere leven gegeven hebt!

O Goddelijke Jesus, verborgene God, Dien ik hier waarlijk tegenwoordig geloof, op Wien ik hoop en Dien ik liefheb, naar U gaat het verlangen mijns harten. „Gelijk het hert smacht naar eene waterbron, zoo smacht ook mijne ziel naar U,quot; om Uwentwille heb ik berouw over al mijne zonden en wensch, daar ik het heiligste Sacrament van Uw lichaam en bloed niet werkelijk ontvangen, kan, het althans op geestelijke wijze in mijn hart op te nemen.

H. Communie.

O Heer, ik ben niet waardig dat Gij kond onder mijn dak, doch spreek slechts één woord en mijne ziel zal gezond worden! (Driemaal.)

B-----------------------------------------------S

— 72 -

ocr page 95

«9--------------------------------H

O Jesus, mijne liefde, mijne ware en eenig-e liefde, neem geheel en al bezit van mij en be- ; heerscli mij voor immer, mijn God. mijn Heer en Gebieder. Wat kan ik U vergelden, voor alles wat Gij aan mij gedaan hebt? Wat ik ben en wat ik heb. ben ik en heb ik door Uwe genade. Daarom wil ik Uwen getrouwen dienaar Antonins bidden, dat hij mij met zijne verdiensten te hulp kome, om U te danken voor het wonder Uwer barmhartigheid, met zijne ongeschondene tong, om Uwen lof te zingen voor het wonder Uwer liefde.

O H. Antonius, door die gloeiende godsvrucht, waarmede gij steeds het hoogheilige Offer opgedragen en den goddelijken Heiland in het allerheiligste Sacrament ontvangen hebt. verwerf voor mij de genade, steeds, doch vooral in het uur des doods, dit Geheim Zijner oneindige liefde met een rein hart te ontvangen en daardoor met Hem en met II voor eeuwig vereenigd te worden. Amen.

Sluitgebed.

Heer verhoor mijn gebed '

En laat mijn roepen tot U komen I Verleen ons. o Heer. dat wij altijd beschermd mogen worden door de bescherming van Uwen zaligen belijder Antonius, ter wiens eere wij dit oifer aan Uwe goddelijke Majesteit opgedragen hebben. Door onzen Hoer Jesus Christus, Uwen Zoon, die met IJ leeft en regeert in vereeniging met den H. Geest. God van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

amp;

ocr page 96

Bij den Zegen en het laatste Evangelie.

De almachtig-e God, de Vader, de Zoon en de H. Geest /.egene mij! Hoer zegen mij, zeg'en mijne gedachten, woorden en werken om wille van die van Uwen trouwen dienaar Antonius, zegen mijnen arbeid en moeite om wille van die van Uwen heiligen belijder Antonius, zegen mij in leven en in sterven op de voorspraak van dengene, dien Gij met zoo vele genaden hier en in het andere leven gezegend hebt!

Nn. o mijn liefderijke patroon en zaakwaarnemer, H. Antonius, heb ik ter Uwer eere dit hoogheilige offer bijgewoond, opdat de almachtige God door hetzelve Uwe he-melsche glorie moge vermeerderen. Laat mij door Uwe genadige voorspraak aan deszelfs vruchten deelachtig worden, tot troost mijner arme ziel!

Omdat ik daardoor den goddelijken Heiland mijne hartelijke liefde betoonen en U, volgens nwen wensch, eene groote vreugde bereiden wilde, zoo verkrijg mij van Hem hulp in alle noodwendigheden en aangelegenheden, waarvoor ik deze heilige Mis heb bijgewoond, want ik leef in de zekere hoop, dat de Heer, voor zoover het Zijnen heiligen Wil is en tot mijn zieleheil strekt. U niets zal weigeren waarvoor gij Hem heden voor mij zuil bidden. Amen.

ocr page 97

a------------©

Litanie tot den H. Antonius van Padua.

Hoer, ontferm U onzer!

Christus, ontferm U onzer!

Heer, ontferm U onzer!

Christus, hoor ons!

Christus, verhoor ons!

God hemelsehe Vader, ontferm U onzer! God Zoon. verlosser der wereld, ontferm U onzer! God H. Geest, ontferm U onzer! H. Drievuldigheid, één God, ontferm LI onzer! Heilige Maria, koningin der belijders,

Heilig koor der priesters en levieten.

Heilig koor der monnikken en kluizenaars, H. Antonius,

Ware zoon van den H. Franciscus.

Sieraad van de orde der Minderbroeders. Licht en zuil der Kerk ftods.

Beminnaar der goddelijke AVet,

Wonderbare leeraar der Waarheid.

Ark der beide Testamenten,

Schatkamer der heilige Schriften.

Bazuin des H. Geestes.

Apostolische prediker.

Schrik der tirannen,

Overwinnaar der ongeloovigen,

Vreugde dor Kechtvaardigen,

Toevlucht der zondaren,

Geleider der dwalenden.

Helper in het ongeluk.

Heil dor zieken.

Overwinnaar der helsche geesten,

Troost der bedrukten,

S-

75

ocr page 98

m-

Wederbrenger van verlorene zaken, Glorierijke beschermer van Padua, Voorbeeld van Godsvrueht.

Serafijn der liefde Gods,

Voorbeeld van naastenliefde.

Spiegel van ootmoedigheid en geduld. Bruidegom der heilige armoede, Voorbeeld der heilige gehoorzaamheid. Engel van maagdelijke reinheid,

Held der christelijke sterkmoedigheid. Antonius. Wonderdoener.

3

C5

•lesns ('hristus.

Door de verdiensten van den H. Antonins, Door zijne zelfverloochening en versterving. Door zijne vrijwillige armoede.

Door zijn vasten en waken.

Door zijne gloeiende liefde tot IJ,

Door zijne apostolische moeiten en arbeid. Door zijne prediking en leeringen.

Door zijne barmhartigheid en zijn medelijden,

Door zijn verlangen naar de martelkroon. Door zijne om Uwen Naam uitgestane

vervolgingen. Door zijnen priesterlijken zielenijver. Door al zijne deugden.

Door zijne standvastigheid tot het einde. Door zijnen zaligen dood.

Door zijnen ingang in de eeuwige heerlijkheid.

Door Uwe liefde tot hem.

S

D IJ 1

1

-B

m-

- 76

ocr page 99

Wij arme zondaars,

Dat Gij ons op de voorspraak van den H. ^ Autonius moogt sparen, ^ Dat Gij ons door zijne verdiensten voor gt alle kwaad moogt bewaren, g; Dat Gij ons zijne bescherming ten allen 2 tijde zult laten ondervinden. ^ Dat Gij ons gebed tot liem genadiglijk -moogt verhooren, J Dat Gij ons om zijnentwille standvastig- g-heid tot het einde en en eenen zali- g g'en dood moogt verleenen, ~ Dat gij ons door den bijstand van den § H. Antonins het eeuwige leven ge- ~ ven moogt.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden dei-

wereld, spaar ons Heer! Lam Gods. dat wegneemt de zouden der

wereld, verhoor ons. Heer! Lam Gods, dat wegneemt de zonden dei-

wereld, ontferm TI onzer! Christus, hoor ons!

Christus, verhoor ons!

Heer. ontferm U onzer!

Christus, ontferm U onzer!

Heer, ontferm U onzer!

V. Bid voor ons, o H. Autonius! K. Op dat wij waardig worden der beloften van Christus.

Almachtige, eeuwige God. die Uwen trouwen belijder, den H. Autonius, tot heil der wereld in genade uitverkoren en door zijn

ocr page 100

voorbeeld en zijne prodikingen zoo vele verdwaalde zielen uit den afgrond des verderfs g-ered hebt, wij bidden U ootmoedig, dat wij ons steeds in zijn milde bescherming verheugen, en door zijn voorbeeld gesterkt, U met lichaam en ziel vreugdevol dienen mogen, en door zijne machtige voorspraak van alle kwaad bewaard, eindelijk het zalige doel van den hetnelschen Vrede mogen bereiken. Verhoor ons gebed en laat ons roepen tot U komen, opdat alle, die tot Uwen dienaar, den H. Antonius gaan, om weldaden af te smeeken, door verhooring hunner gebeden verheugd worden. Door Christus onzen Heer. Amen.

De drie voetvallen

ter aanbidding der Allerheiligste Drievuldigheid en ter eere van den H. Antonius.

Wie door de voorspraak van den iï. Antonius eene genade van God verlangt, verrichte gedurende eenigen tijd behalve het H. Responsorium de drie voetvallen voor het Allerheiligste, of, wanneer dit niet mogelijk is, in gedachte daaraan, en, zoo zijn verlangen niet tegen Gods eer of het heil zijner ziel is, zal hij verhooring vinden. (P. Bonaventura Leiss. O. S. Fr.)

Eerste voetval.

0 Almachtige, allerbarmhartigste, drie-eenige (Jodl Voor het tabernakel van het allerh. Sacrament, waarinquot; Jesus, waarachtig

ocr page 101

ia-

God en waarachtig nieuseh, tegenwoordig' is, val ik aan Uwe voeten neder in vereering der grootc, vlammenoe liefde, waarmede Gij Uwen trouwen dienaar Antonius tot de gelukzaligheid Uwer eeuwige genieting uitverkoren hebt, om aan hem Uw altijddurend welgevallen te hebben.

U, o grooteGod! zij lof en prijs, aanbidding en dankzegging, eer en heerlijkheid gebracht van mij en van al Uwe schepselen in den hemel, op de aarde en onder de aarde van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

Onze Vader. Wees gegroet.

Tweede voetval.

O, algoede, alwijze, drievuldige God! ik val voor het altaar van het Allerh. Sacrament U te voeten in vereenigiug met de teedcre liefde, door welke de H. Antonius Uwe goddelijk liefde zoo zeer tot zich getrokken heeft, dat hij daardoor eene menigte wonderbare gaven en genaden ook voor andere menschen verworven en aan hen medegedeeld heeft, waardoor Uwe lof dagelijks vermeerderd en ook Uw dienaar gëeerd wordt.

Daarvoor zij U. o drieeenige God. eer en heerlijkheid, aanbidding en dankzegging, lof en prijs gebracht van mij en alle schepselen in den hemel, op de aarde en onder de aarde van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

Onze Vader. Wees gegroest.

quot;0-------------------------------------------è

- 79 —

ocr page 102

Derde voetval.

0 Rechtvaardigste, allerheilig'ste, drieeenige God! in vereeniging der rechtvaardigen der aarde en des hemels wensch ik door dezen voetval al datgene te vervangen, wat Uw trouwe dienaar Antonius ter bevordering Uwer eer en van het heilig geloof uit menschelljk onvermogen niet kon verrichten, en dat hij toch in zijnen heiligen ijver zoo gaarne zou gedaan hebben. Ik maak dezen derden voetval in vereeniging met die godsvrucht, liefde en ootmoedigheid, waarvan de H. Antonius gedurende zijn geheele leven doordrongen was.

Daarvoor zij U, o drievuldige God. zegening en aanbidding, lof en prijs, eer en heerlijkheid gebracht van mij en al Uwe schepselen in den hemel, op de aarde en onder aarde van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

Onze Vader. Wees gegroest.

Gebed.

O mijn liefdevolle en wondermachtige patroon, H. Antonius! Ik bid U, toon ons, hoe groot gij zijt voor hot aanschijn des Heeren, voorWien de Rechtvaardigen schitteren gelijk de zon. Bekrachtig' ons vertrouwen tot U in onzen nood (noem hier Uwe aangelegenheid!) op dat wij, in vereeniging met allen, die U in hunne noodwendigheden aanroepen, met vroolijk hart mogen jubelen; Gioote God. wees hooggeloofd en gezegend in de deugden

ocr page 103

ö--a

en wonderen van Uwen getrouwen dienaar Antonius, van eeuwigheid tot eeuwigheid! Amen.

Geprezen en geeerd zij Uwe heilige tong, die God altijd geiool'd en anderen tot Zijne verheerlijking aangespoord heeft. ,.De Heer ver-leenüeU eene tong ter belooningquot;, (Eccli 51,30) die voor de gohecle wereld Uwe verdienste verkondigt, doordat zij twee en dertig jaren na Uwen dood nog frisch en ongeschonden gevonden word en liet tot op den huidigen dag gebleven is, als voorwerp der vereering en bewondering voor alle bezoekers van Uw glorievol graf te Padua.

Overwegend gebed voor het beeld van den heilige.

Gij vindt op de titelplaat van dit boekje, en gewoonlijk ook overal elders, den H. Antonius voorgesteld met eene lelie, een boek en het Goddelijk Kindje op den arm, doch wellicht hebt gij nog nooit overwogen, waarom de heilige aldus wordt afgebeeld. Beschouw derhalve deze beeltenis eens met de oogen des geestes, opdat het U tot stichting, hem echter tot grootere eer strekke I

Waarom wordt de H. Antonius met eene lelie afgebeeld? De lelie is het zinnebeeld zijner vlekkelooze onschuld en reinheid des harten; haar sneeuwwitte glans, waarbij Salomons pracht niet te vergelijken was, wijst op zijn voortdurend streven, steeds meer volmaakt

ocr page 104

en heiliquot;' te worden, want de Rechtvaardige zal, gelijk de H. Schrift zegt, „bloeien als eene leliequot;. De lelie staat verheven boven de andere bloemen, met recht opgaanden steno-el verheft zij haren kelk hemelwaarts; daarheen stond ook steeds de zin van den H. Antonius. hij zocht slechts, „hetgeen boven

isquot; (Kol. 3, 2). i 1 -i- •

Het boek in de hand van den heilige is de //. Schrift. Het wijst er IT op, dat zijne voortdurende meest geliefkoosde oezigheid het lezen der heilige boeken, de studie der heilswaarheden en het beschouwen der goddelijke dingen was. waardoor hij dan ook tot hooge wijsheid geraakte, een beroemde leer aar der godgeleerdheid en een wonderbare prediker werd. Derhalve heeft paus Gregorius IX. hem den eeretitel „Ark dei-beide Testamenten en schatkamer der heilige Schriftenquot; toegevoegd.

Het sroddelijk kindje Jesus op den arm van den heilige moet V ten eerste herinneren aan de voortdurende innige vereeuiging van den H. Antonius met zijnen lieven Heer en Heiland, en vervolgens ook aan de wonderbare verschijning, die hem ter belooning van de verdiensten zijner deugd te Padua ten deel viel, en aan het vertrouwelijk verkeer, waarmede de Heer zich gewaardigde zijnen dienaar te vereeren, om hem reeds in dit leven vooi zijne deugd overrijk te beloonen.

Hebt gij aldus het beeld van den heilige met de oogen des geestes aandachtig be-

ocr page 105

sehouwd. stel dan, opdat deze overweging' ook vruchtbaar voor uwe ziel moge zijn, de volgende vragen aan u zeiven: Is mijne deugd ook eene onbevlekte lelie ? Welke moeite geef ik mij om een rein hart te verwerven en voortdurende vorderingen in het goede te maken?

Waarop staat gewoonlijk mijn zin; zoek ik misschien in tegenstelling met den H. Antonius meer datgene, „wat beneden is?quot;

Welke boekeu lees ik het liefste: mogelijk wel zulke, die het ongeloof de valsche verlichting of lichtvaardige zedelijke grondstellingen huldigen? Zoek ik de ware wijsheid daar waar zij gevonden wordt, in de vreeze Gods en de betrachting Zijner geboden?

Hoe staat het met mijne verhouding- tot don goddelijken Heiland? Streef ik naar innige vereeniging met Hem door het veelvuldig, waardig ontvangen der H. H. Sacramenten, door do liefdesgemeenschap des altaars?

Ondervraag U aldus met een oprecht hart en neem dan. onder aanroeping der voorbede van den H. Antonius, liet vaste voornemen, U in deze of gene zaak eens ernstig te beteren! (Maak echter niet te veel voornemens, opdat gij ze ten slotte niet alle onvolbracht laat!)

Gebed.

O H. Antonius. sneeuwwitte lelie der maagdelijkheid, licht der heilige wetenschap, teederste beminnaar van Jesus Christus, in al mijne noodwendigheden neem ik mijne toe-

ocr page 106

vlucht tot U, door wiens voorspraak de Heer aan zoovele smeekenden zoo wonderbare ge-i naden liet ten deel vallen. Zie! ik kniel zoo gaarne biddende voor uw beeld neder, omdat zijn aanblik mijn hart met zoeten troost vervult. Vuriglijk roep ik U om Uwe hulp aan, te vuriger, naarmate de kommer en de zorg, die mijne ziel verdrukken, grooter zijn. i Mijn vertrouwen op U is zoo vast, dat er geen ook nog zoo groote, nood is, waarin ■ ik niet tot U mijne toevlucht zoude nemen, 1 hetzij in noodwendigheden der ziel of in die des lichaams. Liefdevolle patroon der bedrukten en ongelukkigen. verkrijg voor mij van den i Goddelijken Heiland, uwe innigste en eemgste liefde, dat ik, om wille uwer verdiensten door Zijne barmhartigheid gesteund, steeds van zonden bevrijd en tegen eiken nood verzekerd i moge zijn! Amen.

Negen edelsteenen

in de kroon van den H. Antonius van Padua.

(Met negen gebeden om zijne voorspraak.)

Toon de H. Antonius in het rijk der he- | melen werd opgenomen, bekleedde de Heer j hem met het gewaad der heerlijkheid en kroonde hem aan de poorten van het paradijs j met de kroon der gerechtigheid. O hoe buiten- i

gewoon schoon is deze kroon van den heilig'e, | hoe schittert haar onvergankelijk goud, hoe

ocr page 107

O--------

stralen hare onschatbare edelgesteenten gelijk de zon!

Wat kan zijnen vereerders wel meer tot vreugde strekken, dan een blik op deze kroon der glorie, die de Heer. de rechtvaardige Rechter hem op dien dag verleend heeft? Is er eene meer hartverheffende overweging voor het jubelfeest van den heilige, dan die der schitterende edelsteenen, welke gedurende bijna zeven eeuwen hare stralen nederschieten van uit die plaats, waar zij in alle eeuwigheid zullen glanzen?

Daar licht de saffier des ge loofs, die de ziel van den heilige met hemelsch licht vervulde, van dat H. geloof, dat hem tot eenen grooten leeraar der waarheid en eenen hamer der ketters maakte. O H. Antonius, apostolische prediker en verdediger van liet katholieke christendom, bid voor mij, opdat ik mijn geloof in kinderlijken eenvoud bewaren en ook steeds tot richtsnoer mijns levens maken moge!

Daar prijkt de smaragd van dat onwankelbare vertrouwen op God, waarmede de heilige alles van Gods goedheid en barmhartigheid hoopte, weshalve de Heer hem de grootste wonderwerken genadig verleende.

O H. Antonius, wonderbaar in nw vertrouwen op God, bid voor mij. opdat mijne hoop nooit op mijne eigene kracht, maar altijd op Gods macht en barmhartigheid gevestigd zij.

— 65 —

ocr page 108

Daar vlamt dc robijn der vurigste liefde tot God. waarmede de heilige zijnen Heer van jongs af aan omving, „zoo dat van al zijne liefde Jesus hem de innigste en eenigste was.quot; (Thomas a Kempis.)

0 H. Antonins, serafijn dor heilige liefde, bid voor mij. opdat ik mijnen God steeds boven alles beminnen en uit liefde tot Hem Zijne geboden getrouw opvolgen moge!

Daar schittert de bontkleurige opeial der ware naastenliefde, waarmede de heilige zijne i broederen in 7.00 veelvuldige noodwendigheden te hulp kwam, zoodat hij met den apostel „alles voor allen geworden is, om allen voor Christus te winnen.quot;

O H. Antonins, trouwe navolger van den barmhartigen Samaritaan, bid voor mij, opdat ik mijnen naaste, volgens het gebod van Jesus, moge liefhebben als mij zeiven!

Daar glanst de topaas der ootmoedigheid, rozerood geworden in den gloedoven van het geduld, van die ootmoedigheid, waarmede volgens den H. Chrysostomus niets kan vergeleken worden, want zij is de wortel, voedster en steun van al het goede, en do heilige was naar het voorbeeld zijns goddelijken Leermeesters waarlijk zachtmoedig en ootmoedig van harte.

O H. Antonins, spiegel van ootmoedigheid en geduld, bid voor mij, opdat uw voorbeeld mij van mijnen hoogmoed geneze en dat ik de wederwaardigheden van dit leven lichter verdragen moge!

ocr page 109

Daar Straalt tic iwolblauwr amethyst der versterving, waarmede de lieilig-e zijn lichaam liastijilde in vasten en nachtwaken, zijne ziel door zelfverloücheniiur, om aan zich zelven afgestorven, nog slechts in Christus te leven.

O li. Antonins, voorbeeld der innerlijke en der uiterlijke versterving, bid voor mij, opdat ik mijne booze neigingen overwinnen en werken van ware boetvaardigheid volbrengen moge I

Daar bliksemt de onbedwinghare diamant der christelijke sterkvioedigheid en standvastigheid, waarmede de heihge over de wereld en de hel zegevierde en aan het dwaalgeloof en de tirannie zonder menschenvrees heeft weerstaan.

O H. Antonins, sterke en zegevierende held van Jesus Christus, bid voor mij, opdat ik mijn geloof steeds standvastig belijden en tot aan het einde toe in de genade Gods volharden moge!

Daar vonkelt de doorzichtige hrillant der reinheid des harten, waarmede de heilige ook zelfs den schaduw der zonde vermeden en niets méér gevreesd heeft, dan den Heer, ook slechts in het geringste, te beleedigen.

O H. Antonius, schatkamer der deugden, bid voor mij, opdat, ik alle gelegenheid tot zonden vluchten en mijnen God nooit door zware schuld mishagen moge!

Daar eindelijk schemert, boven alle schatting' waardevol, de sneeuwwitte parel der heilige kuischheid. welke de heilig'e reeds in zijne

- «7 -

ocr page 110

teedersta kindschheid aan de Koningin des Hemels beloofd en tot aan het einde toe in maagdelijke schoonheid bewaard heeft, „want in zijn knisch hart heerschte geene andere liefde, dan de liefde tot Jesus.quot; (H.Hieronymns.)

0 H. Antonhis. engel in het vleesch, bid voor mij, opdat ik mijn lichaam en mijne ziel onbevlekt bewaren moge, om Uwe kroon, die ik heden bewonderd heb op aarde, eenmaal in hare volle heerlijkheid te aanschouwen in den hemel, wanneer ik door Uwe voorbede der beloften van Christus zal waardig worden. Amen.

Lofgebed

op de ongcschondene tong van den heilige.

(Naar het I tali aan sch.)

0 gezegende tong van den H. Antonius, het was passend U het voorrecht der ongeschondenheid toe te staan, dat gij gedurende zoo vele eeuwen tot op den hiüdigen dag behouden hebt, want gij waart het werktuig der Almacht, om zoovele wonderen en genaden te bewerken, gij werdt waardig gekeurd, op vertrouwelijke wijze met Jesus en Maria te verkeeren. O tong, die uit ootmoedigheid stom gebleven zijt en Uwe gaven verborgen hebt. doch uit liefde en gehoorzaamheid eene wonderbare welsprekendheid ont-vouwdet, gij hebt de dwalenden verlicht, de zondaars bekeerd, de harten beheerschfc en aan

ocr page 111

Si

ocr page 112

te' kennen te geven. O tong van den verheven Meester der ware wetenschap.van den verlichten uitlegger der H. Schrift, van den leeraar en liet licht der Kerk Gods. van den zielenijverigen apostel van Italië en Frankrijk, van den grootsten wonderdoener aller plaatsen en aller tijden, terecht zljt gij genoemd geworden, de ark der beide Testamenten en de bazuin des H. Geestes. Wel is waar zijt gij nn verstomd, doch in Uwe ongeschondenheid door Gods genade nog steeds welsprekend, voor al diegenen. die' tot U komen. O gezegende tong van don H. Antonius, verkrijg voor mij. dat ik gedurende mijn geheele leven mijne tong tot lof van don Heer en Heiland gebruiken en eenmaal met den zoetsten Naam van -lesus op de lippen uit dit leven scheiden moge! Amen.

Aanroeping

van den H. Antonius om een zalig sterfuur.

O H. Antonius. die voor TJw zalig afsterven waardig gekeurd werd Jesus Zelven te aanschouwen. U beveel ik al de dagen mijns levens aan. in Uwe geheel bijzondere bescherming echter mijn einde en laatste uur, waarvan mijne gansche eeuwigheid alhangt. en waarna, zoo ik niet in de genade Gods sterf, geene hoop meer overblijft. Uit de diepte mijns harten smeek ik derhalve tot U, dat gij in die verschrikkelijke oogenblikken, waarin

ocr page 113

de doodsangst mijne ziel met duisternis omhult, mij Uwen bijstand g-enadig verleenen moogt.

Daar ik niet weet, of ik dan nog in staat zal zijn TJwe hulp ir te roepen, bid ik U thans reeds daarom en noodig U met kinderlijk vertrouwen uit, mij aan mijn sterfbed, als een zoete trooster, ter zijde te staan.

O H. Antonius. verkrijg dan voor mij armzaligen zondaar, dat ik den goeden strijd zegevierend tot het einde strijden en de laatste bekoringen van den boozen vijand standvastig overwinnen moge!

O H. Antonius. die Jesus op Uwe armen mocht dragen, verkrijg voor mij de groote genade, dat zijn kostbaar Lichaam de laatste verkwikking mijner ziel. Zijn heiligste Naam mijne laatste gedachte zij!

Laat mijne ziel. wanneer zij uit dit leven scheidt,Uw gezelschap hebben voor denrechterstoel van Jesus Christus, opdat haar door Uwe voorspraak een genadig oordeel ten deel valle en eenmaal hare plaats in den vrede en hare woning in het hemelsche Sion zijn inogel

Door Christus, onzen Heer. Amen.

Zegen

van den H. Antonius tegen de bekoringen der helsche geesten.

In de portugeesche stad Santarem leefde ten tijde van den koning Dionijsius eene I vrouw. die. ofschoon eene groote zondares, toch

ocr page 114

■a

met bijzondere vereering- den H. Antonius toegedaan was. wiens bescherming' zij dan ook zeer noodig had. Want de booze geest plaagde haar met bekoringen tot zelfmoord: hij fluisterde haar in. alsof Jesus Christus tot haar sprak: „Gij hebt zoo vele zonden begaan, dat gij slechts, wanneer gij U uit liefde tot mij doodt, gered kunt worden.quot; Een anderen keer vernam zij de woorden: „Ga naar den Taag en stort U daarin, dan zal ik U alles vergeven!„ Werkelijk begaf zij zich eensdaags — het was juist op den 13. Juni. den feestdag des heiligen — met dit doel naar den stroom. Op den wegquot; daarheen trad zij echier de kerk der Minderbroeders binnen, om den H Antonius aan te roepen, opdat hij haar moge openbaren, of dit haar voornemen inderdaad door God gewenscht werd.

Onder haar vurig gebed overviel haar plotseling de slaap; zij zakte op de treden van het feestelijk versierde altaar van den heilige neder, en deze zelf verscheen haar, terwijl hij sprak: „Sta op, neem dit blad, en gij zult. van al deze bekoringen des boozen vijands bevrijd zijn!quot; Zij ontwaakte en vond met blijde verwondering in hare hand een klein perkament, waarop geschreven stond: Ecce crucem Doinini: fugite partes adversae! Vicit Leo de tribn Juda, radix Davtd. Alleluja! Alleluja! (Ziedaar het kruis des Heeren! Vlucht gij vijandige machten / De leeuw uit den stam j van Juda, de wortel van David heeft overwonnen. Alleluja! Alleluja!) (100 Dagen aflaat, sen-

ocr page 115

maal daags, door Z. H. Paus Leo XIII verleend op den 21 Mei 1892). Met hartelijken dank jegens haren grooten schutspatroon verliet zij de kerk, en was van deze kwellende gedachten volkomen verlost. Toen na verloop van tijd het wonderbare blaadje door den koning van Portugal verlangd werd, die beval het in eenen kostbaren reliekenhouder te bewaren, keerden do bekoringen dadelijk weder, doch de ongelukkige vrouw werd voor immer daarvan bevrijd, toen zij op raad der Minderbroeders een afschrift daarvan op hare borst droeg.

Sedert dien werden deze door den H. An-tonius zeiven voorgeschreven woorden, door velen als een hoogst werkzaam middel gebruikt tegen de bekoringen der helsche geesten.

Vlecht nu vrome liederkreinzen.

Vlecht er uw gebeden in! /uhelglans daalt van de tranzen

En verrukt ons ziel en zin.

Zeven eeuwen zijn daarhenen Sinds de Heilige is verschenen. Die alom zijn wondren heeft gestrooid En nu nog zijn graf met wondren tooit.

ocr page 116

L / s s a b o //, geboortestedr

Van uu' gr ooien zoon, hef aan!

fnhel. Pad ltd, juich mede

En ontplooi uw glorievaan /

Laat ons allen hem begroeten *

Rozen strooien i'oor zijn voeten.

Want de lieer gaf ons tot schutspatroon 's Se r a fij n s c h lt; • n Va dei-s grootsten zoo

Klokken, die van zelf gingt luiden

Toen hij opging ten altaar.

Komt opnieuw aan de aard beduiden :

Xog is An ton lus wonderbaar /

Padua's onschuIdge kleinen.

Zingt langs straten en langs pleinen Als uw vaderen het loflied van S int A n t o n i u s d e n J Vo n d e r m a n /

Haar het loon hem werd gegeven

Met de gouden zegekroon,

II aar (iods Heilgen eeuwig leven,

JUdt hij nu nog voor Gods troon ; En zijn heden dalen weder Als zoovele gunsten neder;

'Je allen tijd tot onze hulp gereed,

(iaat hem ter harte ons onheil en ons leed. Zondaars schenkt hij zondesmarte En den braven sterkte en moed. En rtan't wreed gefolterd harte

Heul en troost in overvloed.

Gunsten spreidt hij allerwegen.

Satan vlucht voor zijnen zegen. Wat verloren ging van goed of eer.

Zij V naar lijf of ziel, hij brengt bet weer.

ocr page 117

Daarom klinken jubelzangen

U ter eere, ivijd en zijd.

Want uw roem is ons verlangen.

Die ons aller Heilige zijt!

U ter eere rijzen kerken.

Beeltenissen, Tronie werken.

Stralen kaarsen heur ge wijden glans En vlamt op uw graf een gloriekrans.

Zeven eeuwen zijn daarhenen.

Sinds gij heilig de aard verliet :

Veel is sinds dien tijd verdwenen.

Doch uw roem, Antonius, niet.

Jubelend en dankend smeeken Volk ren aller hemelstreken In e'én vrome groete en bede aldus:

Bid voor ons, o Sint A )i l o n i u s !

Zeven beden

tot den hcmclschen \ ader om genaden door de voorspraak en verdiensten van den H. Antonius te verwerven. 1. OnzeVader. die in ile hemelen zijt, waar Uw roemvolle belijder Antonius, Uwe heerlijkheid van aanschijn tor aanschijn aanschouwt, door die engelachtige reinheid. ter oorzake waarvan hij waardig gekeurd werd U te aanschouwen, reinig onze harten, trek ze uit het slijk dei-aarde aan Uw Vaderhart, opdat Uw Naam door ons niet onteerd, maar altijd geheiligd worde!

ocr page 118

De grafkapel van den H.Antonius in zijne kerk tePadua.

O H. Antonius, glanzende lelie der reinheid, bid voor ons, opdat wij der belofte van Christus waardig worden; „Zalig de zuiveren van harte, want zij zullen God zien.quot;

2. Onze Vader, die in de hemelen zijt, door dat Geloof, waardoor de H. Au-tonius zoo vele in de woestijn der zonde verdwaalde schapen tot den waren schaapsstal teruggebracht en zoo vele dwalenden voor hot rijk Gods teruggewonnen heeft, bevestig ons in de kracht des geloofs, opdat Uw rijk tot ons kome en wij, als trouwe ledeniateii van Gods

ocr page 119

Kerk op aarde, verdienen mogen in de triomfeerende Kerk in den Hemel binnen [ te gaan 1

O H. Antonius, hamer der ketterij, bid voor ons. opdat wij waardig worden der belofte van Christus; „AVie Mj voor de menschen belijden zal, dien zal ik ook belijden voor mijnen Vader die in den Hemel is.quot;

3. Onze Vader, die in de Hemelen zijt. door den gloeienden ijver en de opgeruimdheid in Uwen dienst, die het hart van den H. Antonius geheel vervuld hebben, verleen ook ons volharding in het volbrengen Uwer heilige geboden, en ware bereidwilligheid. U alleen te dienen, opdat Uw Wil geschiede op aarde zoo als in den Hemel!

O H. Antonius. beminnaar der goddelijke wet, bid voor ons. opdat wij waardig worden der belofte van Christus: „Wanneer iemand mij dient, dien zal mijn Vader eeren.quot;

4. Onze Vader, die in de Hemelen zijt, door dien honger en dorst naar de gerechtigheid, waarmede de H. Antonius slechts naar U en Uwe eer verlangde, geef ook ons een innig verlangen naar datgene, was boven is. naar U. ons eenigst Goed. en geef ons heden ons dagelijksch brood in Uwe werkzame genade, brood des lichaams en Manna der ziel schenk ons o Heer. „Die de hongerigen met goederen overlaadtIquot;

ocr page 120

0. H. Autonius. ijveraar voor do eer van God bid voor ons, opdat wij waardig worden l der belofte van Christus: „Zalig zijn zij, die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid. I want zij zullen verzadigd worden!quot;

5. Ónze Vader, die in de Hemelen zijt, door die zoete zachtmoedigheid, waarmede de H. Antonius alle vijandelijkheden zijner tegenstanders met werken der liefde vergolden en alle vernederingen blijmoedig aangenomen heeft, neem ook alle hatelijkheid en bitterheid des harten van ons weg. opdat Gij ons onze schulden moofift verbeven, gelijk ook wij in vreeze en liefde tot LT onzen schuldenaren vergeven. O H. Antonius, spiegel der zachtmoedigheid, bid voor ons, opdat wij waardig worden der belofte van Christus; „Zalig zijn de zachtraoe-i diu'cn, want zij zullen de aarde bezitten!quot;

quot; 6. Onze Vader, die in de Hemelen zijt. door de standvastige in en uitwendige versterving, door welke de H. Antonius alle bekoringen der hel. der wereld en van het vleesch zegevierend overwonnen heeft, vervul onze harten met Uwe kracht en liefde, opdat wij Uwe genade niet verliezen en in de bekoringen der drievoudige begeerlijkheid niet fe gronde gaan mogen: leid ons niet in bekoring' O H. Antonius. engel in liet vleesch. bid voor ons opdat wij waardig worden der belofte van Christus: „Zalig de knechten, die de Heer wakend vinden zal. wanneer hij komt.

ocr page 121

7. Onze Vader, die in de Hemelen z.ijt. door die innige liefde, waarmede de H. Antonius steeds er naar streefde, zijne inedemenschen van alle kwalen des iichaams en der ziel te verlossen, laat ook ons bevrijd worden van geestelijken en lichamelijken nood. en verlos ons van den kwade. Amen.

O H. Antonius. Vader der bedrukten, bid voor ons, opdat wij waardig worden der belofte van Christus: „Wat gij den Vader in Mijnen Naam zult vragen, zal Hij U geven.quot;

{Door lini //. An ton hts gezoTigm vóór zijn afstrrTen.)

O Glorievolle Koningin.

Des Hemels en der aard l'orstni! 7 Kind, dat aan ineen boezem rj/st, Schiep eens n zelf in zaalgen last.

If 'at Eva eens verloor, en meer. Schenkt gij ons door niv jesns weer; Kaar hooger schrijden wij nu voort.

Daar gij ontsluit de hemelpoort.

ocr page 122

V4

Des grooten Konings gouden Poort. Paleis, waar't eeuwig Licht m gloort! Verloste volk ren, zin' 'lt;?gt;' Cl'r •

Door haar aanschouwt ' t leven weer.

U, [esiis, roem en et yrdf

Dien ons de Maagd een gebaard,

Met I 'ader en met Gee. .unen

In de eeuwigheid der sen. Amen.

V. Maak mij ardig U te loven, o aller-K. viuot mij kracht tegen Uwe vijanden!

Gebed.

0 oneindig barraliartige Cïod. die liet onbevlekte hart der allerzaligste Maagd en Moeder Gods Maria tot toevluchtsoord voor ons zondaren bereid hebt. geef, dat wij. dit liefdevolle hart vereerende, duor de voorspraak van Maria die genaden verwerven mogen, die wij het meeste noodig heben. en naar het voorbeeld van den H. Antonius als goede kinderen onzer hemelsche moeder mogen leven en sterven. Wij bidden U daarom door Jesus Christus onzen Heer, die met U leeft en regeert in alle eeuwigheid. Amen.

- 100 -

ocr page 123
ocr page 124