DEN WEG TEN HEMEL,
300R OEFENINGEN EN GEBEDEN
Mot veelvuldige godvruchtige Gebeden en Lltanléu bij oen vergaderd door een Pator van de ordo der Predikhöëren.
Twintigste druk.
fl V\ v ^ i?
.1: â b' .i. /â¢/
GODVRUCHTIGE
ït iiUU v.a i
Met Ooetlkeurin
VKXI.ÃO, WKI). 11. BONTAMPS. r8g 5.
TAFEL OF AANWIJZING
D F. U
ROERENDE FEESTDAGEN
|
JAAR. : ASCHDAG. j PASCHFN. i PINKSTEREN. | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Goedkeuringen.
'lh)pt'i,iï potent
Actniu .ItLtverpiquot; , d'e 14 May 1706.
â . DE ( VIIE/VIAL.
Ecelesin Cafhedr. Antwerp. Can. Grad. â Jrtïe-r Snnod. ac L/h. Censor.
boek /,:;1 /oei voordeelig mogen gedrukt worden. . i-.'U tot Gent, den 20 Maq 1755. .KJ \ XN KS Cl.KÃCQ.
Canouth en Boekkeurder.
Permittiidtis reimpressiouem ;
Leodii, hiic (i Aprille 18^3. J A. liARRI'/l , / ie. Gen.
(il Hl STEL!.IK is Mi Kit WIJS
in de \(»oi,iiiiaii!sfe Geldofsinmteii.
Het geloof is de ^rondveslmg-aller deugden en vohnaaktheden. wanneer men oprecht en aandachtig overdenkt. tea eerste :
1. Dat er één God is. Schepper van alle dingen.
2. Dat God alle dingen bestuurt.
8. Dat onze ziel onsterfelijk is.
4. Dat de genade mkIs uoodig is ter zaligheid.
5. Dat God rechter is over allen.
O. Dat God drievuldig is in personen.
7. Dat de Zoon Gods is mensch geworden.
Het ander deel der voornaamsie geloofspunten.
1. De 12 artikelen des geloofs.
2. De 7 uitleggingen des Onz. \'adâ
6 CHRISTELIJK
3. De 10 geboden Gods.
4. De 5 geboden der H. Kerk.
5. De 7 heilige Sacramenten.
Merkteekenen der waarachtige Kerk van Christus.
Ik bevind dat de Roomscb Katholieke Kn-kboven alle dwaalleer uitschijnt, door hare eenheid, hei-ligheid, licht der voorzeggingen, wonderteekenen, de algemeene goedkeuring van alle volkeren, hare oudheid en wettige afkomst van Christus en de Apostelen, de gedurige opvolging der Pausen in den stoel van Petrus, enz. Dat ik moei bekennen, dat deze Kerk van den levenden God is, de kolom en het steunsel der waarheid, die de poorten der hel nimmer zullen overweldigen; waarin Christus met zijnen geest der waarheid blijven zal tot het einde der wereld. In de gehoorzaamheid en gemeen-
ONDERWIJS. 7
schap der Kerk wil ik mei Gods genade leven en sterven : door Jesns Christus, onzen Heer.
De tien Geboden Gods.
1, Ik ben de Heer uw God. Gij zult geene vreemde goden voor mijne oogen hebben. Gij zult geen gesneden beeld of gelijkenis maken ; gij zult die niet aanbidden of godsdienst aa n doen.
2. Gij zult den naam van denHeer uwen God niet ijdel gebruiken.
o. Weest gedachtig dat gij den Sabbathdag heilig maakt.
4. Eert uwen vader en uwe moeder, opdat gij lang moogt leven op de aarde.
5. Gij zult niet doodslaan.
(). Gij zult geen overspel doen.
7. (Jij zult niet stelen.
8. Gij zult tegen uwen naaste geene valsche getuigenis geven.
9. Gij zult uws naasten huisvrouw niet begeeren.
8 OHRTSTETJJK ONDERWIJS.
10. Gij zult zijn huis niet begee-ron , nocli zijn land, noch zijnen knecht, noch zijne dienstmaagd , noch zijnen os, noch zijnen ezel , noch ietsvan ai wal beintoebelioort.
Mc» moei daarcnliovfii omldiioiidcii:
1. De geboden Keestdagen der heilige Kerk, zoo wei als den heiligen Zondag, op stralTevan doodzonde. Ten minste ééns 'sjaars biechten, en het heilig Sacrament des Altaars met Pasehen in zijne Parochie ( d ir het geschieden kan » ontvangen.
2. Vrijdags en zaterdags geen vleesch eten.
3. Vasten op de vastendagen, quatertemperdagen en de geheele vaste; wanneer men zich ook moet onthouden van hetgene verboden wordt, tenzij dat men om wettige reden verlof daartoe hebbe.
4. Om christelijk te leven, isliet
MOIK :ENGEBEDEN. 9
noodig dv heilige Sacramenten n wel te gebrnikeii.
Zij zijii deze zeven :
]. Hel Doopsel. 2. Mei Vormsel. Het i 1. Sacrament des Altaars. 4. De biecht. 5.1 l_et M.Oliesel. 6.Het Priesterschap. 7. Het Huwelijk.
MORGENGEBEDEN.
Het niorgengebed is ecu plicht, die God van ons eischt, als eerstelingen van den dag. Met welke godsdienstigheid moeten zij hem opgeofferd w orden ' A an de vervulling van dezen eersten plicht hangt de ^eiieele uitslag der werken van het overige van den dag at. Het zoude oneindig veel gewaagd zijn den dag te beginnen, zonder aan God de hulp zijner genade gevraagd te hebben, en zonder hem bedankt te hebben voor de rust der nacht. Weiger hem nooit deze dubbele schatting.
Maar eer gij gaat bidden , verdiep u een
10 MOEGENGEBEDEN.,
oogenblik in u zeiven. Begrijp wat gij zijt, en wat God is, in wiens tegenwoordigheid gij staat : gij zult lichtelijk bevatten liet gewicht van de zaak, die gij doen, en de gevoelens van ootmoedigheid, van berouw over de zonden, van eerlaed,, van aandachtigheid, van zedigheid, van vurigheid en van liefde, niet welke gij het altijd doen moet.
Dit zijn de uitwendige gesteltenissen, waarmede men met God moet omgaan in het gebed.
In den naam des Vaders, en des Zoons, ',«11 des H. Geestes. Amen.
Stel u in Gods tegenwoordigheid : aanbid zijnen heiligen Naam.
Allerheiligste en allerhoogwaar-digste Drievuldight'id, mi God in drie personen! ik geloof dat (* ij hier tegenwoordig zijl: ik aanbid U met de allerdiepste gevoelens van ootmoedigheid, en geef U met al mijn hart de eer, die men schuldig is aan uwe opperste Majesteit.
M( )RGENGEBEDEN.
Bedank God voor de ontvangene genade, en offer u aan Hem op.
Mijn God! ik bedank U zeer ootmoedig voor de genade, die Gij mij tot lieden bewezen hebt. Het iseene uitwerking: van uwe goedheid, dat ik wederom dezen dag zie: ik wil hem ook alleen gebruiken om U te dienen. Ik draag er U van op al de gedachten, woorden, werken en moeielijkheden. Zegen ze, Heer, opdat ze allen bezield zijn door uwe liefde, en strekken tot uwe meerdere eer.
Maak een voornemen van de zonden le vluchten, en de deugden te oefenen.
Aanbiddelijke Jesus! goddelijk voorbeeld van volmaaktheid, naar hetwelk wij moeten trachten: ik zal mij bevlijtigen, zoo veel als ik kan, om mij gelijkvormig te maken aan U; zachtmoedig, ootmoedig,
11
12 MOEG EN GEBEDEN,
zuiver, vurig, geduldig en onderworpen gelijk Gij, aan den wil van den hemelselien Vader, en ik zal bijzond er a 1 m ij n e vlij t a a uwen d en, om van daagquot; niet te hervallen in de gebreken, die ik d ik wij Is bedreven heb en van welke ik mij oprecht begeer tgt;i verbeteren.
Vraag aan God de genade, die u noodig is.
Mijn God! Gij kent mijne zwakheid. Ik kan niets zonder den bijstand uwer genade. Weiger mij dezelve niet, o mijn God! schik ze naarmijn behoefte: geef mij kracht genoeg om al het kwaad dat Gij verbiedt te vluchten, al het goede te oefenen dat Gij van mij verwacht , en om geduldig al de kwellingen te lijden, die het U zal gelieven mij toe te zenden.
Het Gebed des Heeren.
Onze Vader, die in de hemelen
MORGEXN E BEDEN. 13
zijt! Geheiligd zij uw naam. Ons toekome uw rijk.Uw wi! geschiede op de aarde als m den liemel. Geef ons heden ons dageiijksch brood. En vergeef ons onze schulden , gelijk wij vergrmi onze schuldenaren. En leid ons niet in bekoring. Maar verlos ons van den kwade. Amen.
De groetenis des Engels.
Wees gegroet, Maria, vol van genade ; de Heer is met u ; gezegend zijl gij boven alle vrouwen, en gezegend is de vi iieht uws lichaams Jesus. Heilige Maria, Moeder Gods! bid voor ons, zondaars, nu en in het uur onzes doods. Amen.
Het Geloof.
Ik gelooi' in God den Vader almachtig, Schepper van hemel en van aarde. En in Jesus Christus, zijnen eenigen Zoon, onzen Heer; die ontvangen is van den heiligen
14 3 F ORG ENC4 EBEDEN.
Geest, geboren uit de maagd Maria; en wc
dip geleden heeft onder PonüusPi- mijue
latns; die gekruist, gestorven en scluü
begraven is. Die nedergedaald is Mari:
ter helle; ten derden etage is hij aarts
verrezen van den dood; bij is op- telen
geklommen ten hemel, en zit ter Heili
rechterhand Gods, zijns Vaders al- mij
machtig : van daar zal hij komen D*
oordeelen de levenden eu de doo- zicli
den. Ik geloo f in den H. Geest; ééne geve
heilige quot;Katholieke Kerk, de ge- tot
meenschap der ! 1 eiligen, vergitfe-- O
nis der zonden, verrijzenis des gific
vleesches,enheteeiiwigleven. Am. ne c
tige
Belijdenis der zonden.
Ik belijd voor God almachtig, de Ce,)l hei ligeMar i a ,altij d maagd ,den h eiligen Michael aartsengel, den hei- i ligen Joannes den Dooper, de hei- mij lige apostelen Petrus en Paul us, ik i en alle Heiligen, dat ikzeergezon- en digd heb, met gedachten, woorden dei
MOEGEN( ^ EBEDEN. 15
en werken. Het is mijne schuld, mijne schuld, mijne allergrootste schuld. Daarom bid ik de heilige Maria, altijd maagd, den heiligen a art s en ge 1M i c h a i;!, d e h ei li g e a p o s ⢠telen Petrus en Paulus, en alle Heiligen, onzen Heer en God voor mij te willen bidden.
De almogende God ontferme zich onzer, en onze zonden vergeven hebbende, brenge Hij ons tot het eeuwige leven. Amen.
Ontslag, kwijtschelding en vergiffen's van al onze zonden verlee-ne ons de almogende en barmhartige Heer. Amen.
Gebed lot de heilige Maagd, uwen goeden Kngel en uwen heiligen Patroon.
Heilige Maagd, Moeder Gods, mijne lieve Moeder en Patrones! ik stel mij onder uwe bescherming, en werp mij met betrouwen in den schoot uwer barmhartigheid.
16 morg-engebeden.
^Vees, o Moeder van goedheid, mijne toevlucht in den nood, en mi jne voorspreekster bij uwen aan-biddeiijken Zoon, heden en al de dagen mijns levens, en bijzonder inliet nur van mijnen dood.
Engel des hemels, mij n getrouwe e \ ïieMerijke leidsman! verwerf mij van zoo gehoorzaani te zijn aan uwe ingevingen, en mijne voet-stanoen zoo wel te richten, dal ik niet afdwale van den weg der geboden van mijnen God.
Groote Heilige, wiens naam ik draag! bescherm mij en bid voor mijopdat ik God, gelijk gij, mag dienen op de aarde, en hem eeuwig met u verheerlijken in den hemel. Amen.
gebed.
Heer Jesus Christus, die gezegd hebt: vraagt, en gij zult verkrijgen: zoekt, en gij zult vinden:klopt,en
MORGENGEBEDEN. 17
-j. if]; ii zai open gedaan worden; geef ons en de genade , om te begrijpen de
ian- genegenheid van uwe goddelijke
j (je liefde; opdat wij U beminnen uit
j(|er geheel ons hart. U belijden met den mond (j!i het iiart, en nooit
iwe opbonden T te loven,
/erf DeKugel des Heeren heeft Maria
iijri gebo()(jscha])t: e;; zij heel'L ontvan-
)et- gen van den heiligen Geest. Wees
dat neqroe/, enz.
Ier Zie de dienstmaagd des Heeren ; mij geschiede naar uw woord.
jj( Wees gegroet, enz.
joi' En het Woord is vleesch gewor-ag den: en het heeft onder ons ge-
't|- WOOüd. Wees r/cr/roel, enz.
en Hier overweegt men de hijzondere fou
ten , die men voorgenomen heeft te verbeteren. Ten eerste, men neemt zich voor dezelve met kracht tc vluchten. Ten tweede, men , voorziet de gelegenheden van er in te \ :il-len. Ten derde, men vernieuwt zijne voor-n.' nemens. Ten vierde, men vraagt aan God gQ den bijstand zijner genade.
d
2
AVONDGEBEDEN.
eerie kleine hoctvaarcliglieid op, zoiulei ter den moed tc verliezen.
li' ky
A.VOIM B GEBEDEN.
Is er veel aan gelegen den dag wel te beginnen, er is niet minder aan geleg (tien wel te eindigen. Dc ^nwe gunden r/{ die God ons toegestaan heeft over dag en
de bescherming welke ,« ^ ^ f ,» de inicht mnder gevaar door te biea âen zijn nieuwe beweegredeoen om Go 1 \ bidden, en zulks te doen m de gestel-T0nis die wii reeds aangewend hebbeu.
Het onderzoek de» avonds, hetwelk me»
moet aanzien als «ine der voonmamsle nlichten van liet christelijke lc\tn, s bijzonderste deel van deze laatste oe emng , deu dag. Men heeft er de leerwijze van in dc volgende acten : fegenwoordt^eid Gods, dankzegging, vraag, onderzoek ,
heid en qoed voornemen.
De bijzondere zegeningen, welke ^oci
van
aan
neer
hcona
gt;!';n
yn id-licri
zici
AVONDGEBEDEN. 19
uitstort over de huisgezinuen, waar de se-cden gezamenlijk gelezen worden, moeten ; krachtdadig aanzetten, om liet gebruik ai eene zoo heilige en stichtelijke oefening {1aan te nemen; bijzonder' des avonds, waneer men allergemakki lijkst kan re zamen ;komen. Want tvaar er twee of drie m mij-'ynt naam vergaderd zijn, daar hen ik in het bidden van hen. Wat is er meer aanmoe-igend r Wat moet men niet verlaten , om (zich .-'oo een groot geluk te verschaffen ?
in 'â Iâ â :. iiaam Vitders. -n des
xi stes.
Ameii.
Laten wij ons stellen in de tegenwoordigheid van God en hem aanbidden.
Ik aanbid U, o mijn God, met â je ondorwerpliig', die «lij de tegenwoordigheid vau uwe opperste gro(stluid ingeeft. Ik geloof m U , omdat Gij de waarheid zelve zijt. ik hoop op L , omdat Gij oneiudig . ifd zijt. Ik bemin l' uit geheel
20 avondgebeden.
miiu hart. omdat Gij ten hoogste beminnelijk zijl; enikbemin imjne naasten als mij zei ven, om ue liefde van Ij-
Laat oks God danken voor de genade, die liij ons gegeven lieeit-
Welke dankzegging zal ik l doen . o mijii nod' vnor ^
«roede dat ik â lt; uil b oni^
hebV Gij bebl op mu -f,
eeuwigheid gedacht; Gij he\)t mij uit het ni^t u'etrokken ; ' Tij mv leven (iegeven om mj te verlossen. en Gij vervuil n i 'â¢'â â e lot'vpiM v]^m 1 Pv^ii oneiuaig ciciiittii ^sten Helaas, Heer! wat zal ik doen tut erkentenis van zoo veie iroedheden? Vereenigt u met mij . Gelukzalige Geesten, om den God van barmhartigheid te loven , die niet ophoudt van goed te doen, aan het alleronwaardigste en ondankbaarste zijner schepselen.
AVONDGEBEDEN.
Laat ons God. vragen om onze zonden te kennen.
Eeawige Oursprun^ drs iielits! heilige Geest! verdrijl'de duisternis die mij de al'ycliuwelijke boosheid mijner zonden verbergt. Doe, o God , doe mij er zoo grooten al-schrik van krijgen, dal ik dezelve hate , zoo het mogelijk is , gelijk Gij die zelf haat, en dat ik niets meer vreeze, dan dezelve in het toekomende te bedrijven.
Laat ons liet bedrevene kwaad onderzoeken. Tegen Nalatigheid oi' verzuim in onze plichten van godsvrucht, otieerbiedig-hedec in de kerk, vrijwillige verstrooidheden in onze gebeden, gebrek aan goede meening, wederstand aan de genade . zwering, misnoegen, gebrek van vertrouwen en overgeving aan den wil Gods.
21
de
â â pp
, n ^ ; ü1
mé
'22 AVONDGEBEDEN.
Tegen onze naasten : TjlcluVcldl dig oordeel, verachting, liant, afgunst, begeerte van wraaïs, 1 w ie.l, 5 lo^pendheid. kwaadwenseliing. scheidwuoiden . acutei'klap ; sh5-schimping, valsciie betichting . schade aan goed. ot eer, kwaad voorbeeld. ergernis, gelei-k ^an eerbied, van g e li o o r z a a ni h-i d, lu f-de. moed en getrouwheid.
Tegen ons zeiven : 1 Jdellieiü, iilCll-scheiijk opzicht, leugens, gedachten, begeerten, gesprekken en werken tegen dequot; zuiverheid, ongebondenheid , gramschap, ongeduldigheid, wulpsch en vuil leven, traagheid in het volbrengen der plichten van onzen staat.
Laat ons een oprecht berouw verwekken.
Zie mij hier. Heer, geheel met schaamte en droefheid overdekt, doorliet gezicht mijner zonden. Ik
AVONDGEBEDEN. ^3
verfoei dezelve voor U, 2net ^en oprecht leedwezen eenenzoo goeden God vergramd te hebben, een en God zoo minüaani en zoi? vaardig oni bemind te worden. Was het dit. o mijn God , dat Gij moest verwachten van mijue erkentenis, na mij bemind te hebben tot het vergieten van irv bloed voor mij ? Ja, Heer! ik heb mijne boosheid en ondankbaarheid, te ver gedreven : ik vraag er I' ootmoedig V'Tgiiïenis van, en smeek U, 0 mijn God, door diezelfde goedheid, van welke ik zoo dikwijls de uitwerksels gevoeld heb, mij de genade te vergunnen, van er nu en tot den dood toe ware boetvaardigheid over te doen.
24 AVONDGEBEDEN.
j
Lcw.t ons een vast voornemen maken ( van niet meer te zondiqen.
Hoe zou ik wenseheii, o mijn God, U nooit vergramd te liebben! maar. vermits ik zoo ongelukkig ben geweest l te mishagen, zal ik l' de droefheid, die ik er van heb toonen, door een gedrag ge-hoc! tegenstrijdig aan hetgeen ik tot nu toe gehad heb. Ik verzaak van nu af de zonden en de geleden-
o
b/-den derzelve. on bovenal die waarin ik zoo dikwijls de zwakheid heb te hervallen; en indien Gij Lquot; verwaardigt mij de genade te vergunnen, gelijk ik zo vraag en hoop te vorkrijgen, zoo zal ik trachten getrouw mijne plichten te volbrengen , en niets zal bekwaam zijn mij te wederhouden U te dienen. Amen.
Hier bidt men het Gebed des
AVONDGEBEDEN. 25
11 eer en, de Groetenis des Engels het ken Geloof en de lielijderis der zonden,
bi adz. 14.
ij 11 Loten wij ons aanbevelen aan God, '11! aan de heilia.e Maagd Maria, en aan alle ileiliqen.
'H1
',ni Ze^eu. o mijn God, de rust die ik ga nemen om mijne krachten jk te herstellen, opdat ik l beter mag , j, dienen. Heilige Maagd . Moed ervan j l mijneu God,en iia 1 iem mijneeenige je hoop! mijn goede Engel en mijn hei-ige Patroon! bidt voor mij. en be-â j schermt mij gedurende dezen nacht, jj' en geheel den tijd mijns levens, en I1 in het uur mijns doods. Amen.
k Laat ons biddi-n voor de levende en
11 overledene geloovigen.
i â
[1 Stort, lieer, uwe zegeningen uit over mijne ouders , weldoeners , vrienden en vijanden; bescherm al .9 degenen die Gij mij gegeven hebt
2() AVONDGEBEDEN.
voor meesters, zoo geestelijke als wereldlijke. Help de armen, de gevangenen . de bedroefden , de reizigers, de zieken en de stervenden. Bekeerde ketters, en verlicht de ongeloovigen.
God van goedheid en barmhartigheid! re'5 ook medelijden met de zielen -'er geloovigen, die in het vagevuur zijn. Maak een einde aan hare pijnen, en geef aan die, voor welke Ik verplicht ben te bidden, de rust en het eeuwige licht. Am.
GEBED.
Almachtige en eeuwige (Sod, die het lichaam en dtj ziel derallerliei-ligste Maagden MoederGodsMaria bereid hebt, opdat zij. door de medewerking des heiligen Geestes, verdienen zoude eene waardige woonplaats te wezen voor uwen lieven Zoon : geef dat wij, die ons in haar aandenken verblijden, door
AVONDGEBEDEN. ü (
hare goedertierene gebeden van den eeuwi ren doctd mogvn verlost woiden : door denzelfden Clmstiis onzen lieer. Amen.
Ander Gebed.
V\ ij hidden V. lieer, deze woonplaats te bezoeken en rv van af te weren alle listen des vijands; dat uwe heilige Engelen daarin w.-'nen, om ons in vrede te bewaren, en dat nwzegenaltijdoveroi s blijve:door tlesus Christus onzen I leer. Amen.
Gebed tot alle Heiligen.
Gelukzalige zielen. die de genade gehad hebt tot de eeuwige heerlijkheid te komen : verwerft mij twee zaken van Hem, die onze algemeeneGod en Vader is, namelijk ; hem nooit doodelijk te vergrammen, en dat hij al wat hem mishaagt van ons wegneme. Amen.
De Engel des lleeren, enz. bl. 17.
' gt;:lt;n K ü v\ i.iziN(ii- x i;x ü i:hedmn
\i)ü\\ YA inüFii H fïElLM'E }liS.
Godm; ieliike
ide
Oefening
de Gc
Na het suksim cokua, verheft zich de ziel
bo
het
aardsche en
ven al
hetgeen daar
omgaat ; zij houdt zich bezig met de zalige
eiligste ürieviddia;-
geesten en met de heid te loven, zeggende ^anctcs, sa.nctus,
SAN' '11 S.
Maar dan, waaneer de Friester de stille gebeden spreekt, richt zij hare oogeu op het kruisbeeld, Christus heilig hoofd met doornen gekroond aanziende, en beveelt hetzelve het Opperhoofd der iieilige Kerk, den paus, de bisschoppen, priesters, keizers en koningen aan. En de wonde van Jesus rechterhand beziende, beveelt zij daarin hare ouders en bloedverwanten. In de wonde van Jesus linkerhand, beveelt zij al hare vijanden, en al degenen waarvan zij eenig leed of ergernis ontvangen heeft. In de wonde van Jesus rechtervoet, beveelt zij de personen en zaken die haar aanbevolen zijn. In de wonde van
r
G-EBEDEN ONDER DE H. MIS. 29 Jesus linkervoet, beveelt zij alle zondaren, opdat zij mogen bekeerd worden. En in de wonden van Jesus hart, beveelt de Godminnende ziel zich zelve, en bidt ora al hetgeen zij tot hare zaligheid noodig heeft.
In de wonden van Jesus lichaam , beveelt zij alle ketters en ongeloovigen , opdat zij mogen bekeerd worden. Aan het kruis van Jems, beveelt zij alle geestelijke orden en personen , opdat zij het kruis van hunnen regel aeduldig mogi/n dragen. Rn in de tranen van den goeden Jesus, ..n net speeksel waarmede in zijn heilig aangezicht gespogen werd, bevecit zij allen die met laster en ongelijk overvallei worden.
In de laatste verzuchtingen van Jesus , toen Hij zijn hoofd stervende nederboog, beveelt zij allen die in doodsangst zijn en om de eeuwigheid strijden.
Onder de heilige Consecratie offert zij zich zelve met Jesus aan z.jncn hemelschen Vader op, ais eeue levende offerande, en bidt Hem, dat het Hem believe zijne belofte indachtig te zijn, die Hij gedaan heeft toen Hij zeide : al* ih van de aarde verheven zal zijn, zal ik alle dingen lot mij trekken, ca verzoekt aan den hemelschen Vader, dat Hij door de wonden van zijnen Zoon en door
f
MSÃki
9,0 gebeden onder
ziin dierbaar bloed , de wereld wil aanzien, en de vlammen des vagevmirs uitdooven â¢waar zijne kinderen lijden, voor wien i.a dierbaar bloed zoo mild is uitgestort.
Korte gebeden voor alle mensclien, to Inddeu oiidcs' dfii goddolijkon IHcnst.
HemelsclieVader! ik draag t; op uwen lijden den Zooniet zijne on -eindiee verdiensten: )K bid 1;, oni-ferm à 0yer f.ns door dat bi ter
HemelscbeVader! ik bid de heilige Moeder Gods en alle lieve Hei-ligeu, door bare gebeden, oniii rm
L' over ons. ,
Hemelscbe N'ader! ik draag i on mii zeiven, zooals ik ben; wil mijnequot;zonden vergeven , mij voor aanvechtingen bewaren, â a amp; deugden versterken. _
Hemelscbe \ ader . ik sm^eK o voor alle mensclien die in da wereld zijn; wil de zondaars bekee-
DE HEILIGE MIS. 31
re li, en de deugdzame inenscbeii versterken.
HemelscheVader! ik bid I voor j al degeloovige zielen, die iu het j vagevuur lijden. Fleer ! geef liun de eeuwige rust, en het eeuwige licht verliclite hen, Amen.
Het volgende qehed moei men mei â â .ene dupe vernedering des harten uit~ spreki n i i gt;eden ge
lezen hecfi voor de //. (Jonimunie.
O Heer! ik ben niet waardig, om al mijne euveldaden.
Dat dit voedsel mijne zwakke ziel zou vtrzaden.
O Heer! ik ben niet waardig dat Gij mij uw' disch bereidt.
En mij , met schuld bevlekt. als dischgenoot verbeidt.
(J Heer! ik ben niet waardig dat Gij treedt in mijne woning,
'32 GEBEDEN ONDER
Ik ben een schaamle slaal', Gij zijt mijn vorst en koning;
Doch door een enkel woord, o Goddelijke menschenvriend 1
Herkent Gij in uw knecht, uw wederk eerend k i nd.
yl/.y men met hef tl. Sacrament den zegen (jee ft, zeq :
Ge ei'mij, Heer, uwen zegen, om in uwe liefde te leven en te sterven.
Kxun. Heer Je sus! bezit mij', hart alleen: wil het tot C opleiden, opdat ik niet lev da', om L te beminnen.
Jesus! verlos mij door uw bloed van ai mijne zonden en gebreken; uiitvonk mijn hart in uwe liefde.
O Jesus! aan U geef ik mijn hari, door Maria uwe Moeder.
Maria, Moeder van Jesus, Moeder der barmhartigheid i verkrijg goedwillig mijn hart,naar hethart van Jesus, uwen beminden Zoon.
DE H. MIS. 33
Maria , liefderijke Moeder 1 leer mij desus beminnen.
Het begin der heilige Mis.
ht den naam des Vaders , en des Zoons , en des heiligen Gees les. Amen.
Ik zal ingaan tot iiet altaar Gods: tot God die mijne jeugd verblijdt.
()ordeel mij, God, eu onderscheid mijne zaak van het onheilig volk: verlos mij van den boozen en be-driegelijken mensch.
Want ('gt;ij. God, zijt mijne sterkte: waarom hebt Gij mij ver-stooten, en waarom ga ik bedroefd, als mij de vijand kwelt V
Zend uit uw licht en uwe waarheid; deze hebben mij geleid en gebracht tot uwen heiligen berg ea in uwe tabernakelen.
En ik zal ingaan tot het altaar
84 GEBEDEN ONDER ^
Gods; tot God die mijne jeugd
TTs lt;quot;* v
verblijdt. , . .
Ik zal U belijden met het nart, God, mijn God! waarom ontstelt
gij mij V ,,
Betrouw op God; want ik zal iiem
noü,- loveii de zaligheid van mijn aangedicht en mijn God.
Eere zij den v ader, en den Zoon,
en den heiligen Geest; gelijk het wa- in het begin, nu en altijd, en in de eeuwigheid. Amen.
i k zal ;ngaan tot het altaar (xods:
tot God die mijne jeugd verblijdt. ^
Onze hulp is in den naam des He eren, die hemel en aarde gemaakt heeft-
De Confiteoi of sckuldbelijdenis.
Ik belijd voor God almachtig, de heilige Maagd Maria, den heiligen Michaël aartsengel, den heiligen Joannes den dooper, de heinge Apostelen Petrus en Paul us, en alle
I
dp: H. ms. 35
Heiligen,dat ik zeergezondigdIieb: met gedachten , woorden en werken : bet is mijne scbiild, niijne schuld, mijm allergrootste schuld: daarom bid ik de heilige Maagd Maria, den heiligen Joannes den
dooper, de heilige Apostelen Pe-
â
will, u binden.
De alut (lod moge zich
or--/ - r oiitlV. -n ; , en, anze'zonden ^ = \evvi.: nei-h': e, ons brengen tot:i.m e uwi:;;1 c . Amen.
en b mha; üge Heer. Amen,
Heer! tot ons gekeerd zijnde. zult Gij o-.'S vvedor doen leven, en uw volk zal zich in ü verblijden.
Toon ons. Heer, uwe barmhartigheid, ea geel' ons uwe zaligheid.
Heer! verhoor mijn gebed, en iaat mijn geroep tot U konijn.'
31) gebeden onder
gebed
Neem various,bidden wij L', Heer, h! onze ongerechtigheden, opdat wij niet een zuiver hart mogen ingaan in het Heilige der Heiligen : door JesusChristus onzen Heer. Amen.
Intro if x-s en Kyrie eleison.
() Hemeische Vader! onze Hoo-o-epriester Jesus Christus, uw eenivre Zoon, is voor ons, arme zon-: laars, ingedaan tot den troon uwer genade, daar hij deeenige middelaar is, om al ilieuer^er zalig te maken, die door Hehi tot U gekomen zijn. G^ei'dezen priester, als eeuen dienaar van uwen eenigen Züou, dat iii] geestelijk, mei gedachbrn en liei'de. zon tot l , door Jt'sus Christus, ga. dat hij door die offerande, voor mijne en alle zonden der wereld, door de verdiensten van Jesns Christus, vergiffenis mag
DE ri. .AITS. O7
verwerven, en dat wij, door uwe barniliartigheid, van. alle kwaad verlost zijl! de. cutler uwen heiligen zegen in deugden en voor de eeuwige glorie mogen leven.
Hij heeft haar gespijsd met het merg van het koren. Alleluja, en hij heeft haar verzadigd met honig uit de steenrots: Alleluja, Alleluja. Verheug u in God, onzen helper: juieh inden God van Jacob. Eere zij den V ader, en den Zoon, en den heiligen Geest, enz.
Hij heeft haar gespijsd met het merg van het koren, en hij heeft haar verzadigd met honig uit de steenrots. .-Vlleluja, Alleluja, Alleluja,
Heer, ontferm U onzer. Driemaal.
Christus, ontf. U onzer. Driemaal.
Heer, ontferm l' onzer. Driemaal.
De Lofzang Gloria in Excelsis.
Glorie zij God in den hoogste .
38 GEBEDEN ONDER
en op de aarde vrede onder al de menscheu die van goeden wil zijn. ae ( Wij loven V, wij prijzen l' , wij lU 1 aanbidden W wij verheerlijken l . j) Heer, ()od, hemelsclie Koning, God almachtige Vader, Heer Jesus Christus, eeniggeboren Zoon: ^ Heer (ïod, Lam Gods, Zoon des ht Vaders, die de zonden der wereld ^ wegneemi, ontvang ons gebed; die 1)1 zit aan de rechterhand des Vaders, ontferm U onzer : want Gij zijt al- 0 leen heilig, alleen de allerhoogste,
Jesus Christus, met den heiligen Geest, in de heerlijkheid des Vaders. Amen.
(i E B E D.
O God, die ons onder dit wonderbaar Sacrament de gedachtenis van uw lijden iiebt nagelaten; laat ons, bidden wij U, de heilige geheimen van uw lichaam en bloed zooeeren, datwij gedurig de vruchten onzer verlossing in ons mogen
DE H. MIS. 39
gevoelen: die leeft en heerscht, met den Vader en den heiligen Geest, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
De Epistel, uit 1 Corinth. Kap. XI.
Broeders! ik heb van den Heer ontvangen, wat ik u ook geleerd heb, namelijk dat de Heer Jesus in den nacht dat hij geleverd werd, brood genomen heeft, en dankende het heeft gebroken en ^eze^d :
o o c?
ontvangt en ent het; dit is mijn lichaam dat voor u geleverd zal worden; doet dit tot mijne gedachtenis. Zoo ook den kelk, nadat hij het Avondmaal genuttigd had, zeggende : deze kelk is mijn bloed ; doet dit. zoo menigmaal als gij het zult drinken, tot mijne gedachtenis; want zoo menigmaal als gij ditbroud zult eten en dezen kelk drinken, zult gij den dood des Heeren verkondigen, tot dal hij komt. Daarom, wie dit brood onwaardig zal eten, en
40 GEBEDEN ONDER
den kelk des Heeren onwaardig mijl drinken, die zal schuldig zijn Hee aan het lichaam en bloed des Mee- vre ren I Dat dns de mensch zich zei ven \ beproeve, enalzoo ete van dit brood jeu en drinke van. den kelk : want die nie het onwaardig eet en drinkt, die e^t en drinkt voor zichzelven het uv. oordeel , niet onderscheidende het lichaam des Heeren. God zij dank.
Graduale. I
Alle oogen hopen op Ã, Heer, en ni Gij geeft hunspijs op gelegene tijd.
Mijn vleesch is waarlijk, spijs en b; mijn bloed is waarlijk drank; die v mijn vleesch eet en mijn bloed ii drinkt, die blijft in mij, en ik in li hem. Alleluja.
0 Heer! neem geene wraak over mijne zonden, en gedenk mijner en mijner ouders misdaden niet.
Joh. /.
Wie begrijpt alle zonden V van
f.jvi -
de h. mls. 41
mijne verborgenheden zuiver mij lieer, en spaar uwen dienaar van vreemde zonden. Psalm 18.
Wil, o Heer, de zonden mijner jeugd en mijner onwetendheden niet gedachtig wezen. Psalm 24.
Tot ü beu ik gevlucht; leer mij uwen wil, want Gij zijt mijn God.
Psalm 113.
Ik heb gedoold als een verloren schaap ; zoek locn. Heer. uwen dienaar; want uwe geboden heb ik niet vergeten. Psalm lis.
Eere zij God, den Vader der barmhartigheden en God van alle vertroostingen. ons vertroostende in al onze kwellingen en benauwdheden. 2. Cor. 1.
LOFZANG : LAUDA SION SALVATOREM
Loot, o Sion, den Behoeder ,
Looi uw Herder, loof uw' T oeder,
Met gezang en maatgeluid;
Loo! hein, loof hem naar vermogen, Die geen lofzang kan verhoogen , En wiens lof men nooit volduidt.
42 GEBEDEN * )NDEll
0: wat stof tot lof gegeven! V
't Levend brood en 't ziele-leven 't
Wordt ons heden voortgebracht:
3t Zelfde dai de Apostelen aten,
Toen zij aan den Paaschdisch zaten,
In huns Meesters jongsten nacht.
Laat dan, op de schelste wijzen.
Blij den lof ten hemel rijzen;
Woest verheugd in uwen geest,
Want 't betaamt, dat wij versieren,
En met zielsgenoegte vieren,
De eerste instelling van dit feest.
De oude schijnsels zijn verdwenen,
⢠Nieuwe Paaschlam is verschenen,
't Vorige neemt hierdoor een end;
Want de nacht wijkt voor de klaarheid.
En de schaduw \ oor de waarheid Van het Nieuwe Testament.
: Geen dat Curjstvs zelf verrichtte Toen hij 't Nieuw-Verbonds-pand stichtte,
Wil hij dat de priesterschaar,
Zijn gedachtenis ter ecre,
Ook doe, en dus consacreere
Brood en wijn op 't nieuw altaar.
Immers, 'tis de leer des fleeren.
Dat en brood en wijn verkeeren In zijn heilig Vleesch en Bloed.
DE li. ilIÃ.
Verstand noch oog kan dit opmerken '1 lleil-geloof zal ons versterken,
W ijl 't begrip hier zwichten moet.
Onder tweederhande schijnen,
Waar de wezens van verdwijnen, Schuilt het a lerheiligst pand : Christus zelf, hier drank en spijze, Houdt geheel op deze wijze,
In elke der gedaanten stand.
Hij, niet deelbaar noch te breken, (Want fle breuk valt op het teekenj Wordt genuttigd gansch en heel; Hij verteert niet â Nut hem ééne. Of ook duizend , al degene Die hem nut krijgt evenveel.
Goeden nutten Jl-m, ook kwaden : Doch, waar de eene vindt genade,
Daar vindt de ander Mis den dood. Kwaden van dit voedsel sterven,
Daar de goeden 't leven erven ; Zoo verscheiden werkt dit brood.
Als gij ziet de Hostie breken. Uw geloof zij onbezweken;
Denk dat Christus onder 't teeken
Rust en blijft in ieder deel. 't Teeken heeft de breuk geleden ; 't Zaaklijk der zelfstandigheden.
44 (tE BEDEN ONDER
Kan niet worden doorgesneden Maar blijft in zijn stand geheel.
Zie hier t brood der Englen monden, Voor dc menschen afgezonden,
Niet te werpen voor de honden ,
Want 't is waarlijk 'r kindren brood.
In figuur zien wij verklaren ,
Daar wij 't Manna zien vergaren;
Izaak zien ten offer varen .
En als 't Paascldam werd gedood.
Goede Herder, brood van 't leven! Mees genadig, wil ons geven Voedsel, bijstand ; daar beneven , Doe ons tot !' opwaarts streven,
Trek ons uit het aardsche slijk.
Gij, die ons, die hier nog zwerven. Spijst en voedt, laat ons verwerven tJw genade; en als wij sterven.
Doe ons dan uw tafel erven;
Met de burgers van uw rijk. Amen.
Het heilig- Evaagvlie : Joannes, kap. i). ( zij fjlorle, Heer.
In dien tijde heel't Jesns tot de scharen der Joden gezegd : niijn vleesch is waarlijk spijs, en mijn
DE li. MIS. 45
bloed is waarlijk drank;die mija vlei'sch eet en nrijn bloed drinkt, blijft inmij en ik in hern : gelijk de levende Vader mij gezonden heeft, enik leef om den Vader , aizoo, die mij eet zal ook in mij leven. Dit is het brood . dat vau den hemel nedergedaald is. niet gelijk uwe vaders liet Ma^' a .'i^bben gegeten, en gestor vei. ziji; : die dit brood eet, zal in eeu vigheid leven.
U zij lof, Christus', die door IJzel-ven , en door dv Vp- .isteleii, U verwaardigd hebt het Evangelie over Je geheele wereld te prediken , en deongeioovigen te verlichten niet het licht des waarachiigengeloofs.
De ('redo of (reloofsbelijdeiiis.
Ik geloofin eenen God dtjn der almachtig, Schepper vau hemel en aarde, van alle zichtbare en onzichtbare dingen, en in ééiien Heer Jesns Christus , den eeniggeborea
-
46 GEBEDEN ONDER
Zoon Gods , die uit den Vader ge- den ' boren is voor alle tijden ; God van Vadi God , licht van licht, waarachtige bedt God van den waarachtigen God, iooi geboren en niet geschapen ; van En t één weze? met ien Vader, door tolis wien alle dingen gemaakt zijn ; die xot om ons mënschen en om onze za- I ver ligheid nedergedaald is uit de he- len melen, en is vleesch geworden door den heiligen Geest, uit de 1 Maagd Maria , en hij is mensch ge- k;e( icorden; di ook gekruist is voor ons onder Pontius Pilatus ; die is gestorven en begraven, en ten derden dage wederom is opgestaan, aa naar deschi iituur,en is opgeklommen ten iiemel, en zit ter rechter- G hand des Vaders en zal wederko- m men met heerlijkheid, en oordee-len levenden n dooden; wiens rij k geen einde zal hebben : en in den n heiligen Geest, den Heer, die le- v vend maakt; die van den Vader en o
DE H. ins. 47
den Zoon voortkomt; die met den Vader en den Zoon gelijk aangebeden en verheerlijkt wordt; die door de Profeten gesproken heeft En éém bei 1 .ge ka üiolk'keen apos-tolische Kerk. Ik belijd een doopsel tot vf-cgiffenis'- eer zondei;, en ik verwacht de verrijzenis der dooien, fn hel leven d : toekomende â¢'iiwfii. Amen.
De Hen zij niet n, en met uwen ^eesi.
Het Ofj i rtormm.
De 1 'u: â st â â vs düs 1 te-Te a o ffe. ven
)ro d ;
daarom zullen zij voor hunnen God heilig zijn. en zuliea zijnen naam niet besmetten. Alleluia.
C) a llerbarmhartigste Heer! aller-zoetste 7a. !igmaker Jesus! ik bid U met hartelijke zuchten, dat Gij U verwaardigt m ij op recht leedwezen over mij ne zonden te geven, en mijne
48 (GEBEDEN ÃXDER
ziel met uwe goddelijke liefde en genade ie vervullen: maak mij en alle menschen begeerig naar uwen dienst, en rijk in deugden, en wees gedachtig dat Gij ons meluw dierbaar bloed en uwen bitteren dood aan het kruis hebt verlost. Amen.
Het Ovate Fr air es.
De Heer neme dit oiïer aan uit uwe handen, tot verheffiag, eer en verheerlijking van zijnen heiligen naam, tot zaligheid onzer ziel en onzes lichaams, en tot vermeerdering, troost en vrede van zijne heilige iverk. Amen.
De Secret a of stille Gebeden.
O mij n God! ik za 1 nu gaan tot d e gedachtenis van het bitter lijden uws eenigen Zoons, die, na alle schande der wereld , pijnen des lichaams, zieledroel'heid en den dood ondergaan te hebben, zichzelven aan U,
DE HEILIGE MIS. 49
o hemelsche\ ader, heeft opgeofferd voor mijne verlossing en die der geheele wereld; verleen mij, dezelve zoo dankbaar en met ootmoedige aandacht te overdenken , dat ik mij geheel aan Hein, en door Hem aan U. hemelsche Vader, altijd mag opofferen, en wees ons barmhartig:: door denzplfden Jesns Christus, onzen Heer, uwen Zoon, die met U leeft en heerscht, in de eenheid des heiligen Geestes, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
De Prefatie of Voorzang.
De Heer zij met u, en met uwen geest. Verhef de harten omhoog : wij hebben ze bij den Heer. Laat ons den Heer, onzen God, dankzeggen ; dit is waardig en recht.
In waarheid, het is waardig en recht, billijk en zalig, dat wij l' ai-tijd en overal dankzeggen, heilige Heer, almogende Vader, eeuwige
4
50 GEBEDEN ONDER
God: want door de geheimen van het Woord, dat het vleesch heeft aangenomen, is een nieuw licht van uwe klaarheid aan de oogen van ons verstand verschenen, opdat wij, als wij Godzichthaar aanschouwen, daardoor opgetogen worden tot de liefde der onzichtbare dingen. Daarom zingen wij, met de Engelen en Aartsengelen, met de troonen en heerlijkheden, en met het geheele leger der hemelsche heerkrachten, eenen lolzang tot verheerlijking, zeggende zonder ophouden : Heilig, heilig, heilig , is de Heer, God der heerkrachten; hemel en aarde zijn vol van uwe heerlijkheid 1 Maak ons zalig in den hoogen: gezegend is hij, die komt in den naam des Heer en ; maak ons zaiig in den hoogen.
Onder den Canon.
Met deze lol- en dankzegging ,
DE H. ^n.^. 51
zoo bid ik U, ailergenadigste Heer Vader, door Jesus Christus, uwen eenigen Zoon, met een ootmoedig gebed en kinderlijke liefde: dat het U gelieve voor aangenaam te ontvangen en met uwen krachti-gen en heiligmakeuden zegen te zegenen, deze uwe gaven en onbevlekte offerande van brood eu wijn, die wij aan [' opofferen voor uwe heilige katholieke Kerk, die Uij zult believen in vrede te stellen en in eenheid te bewaren . degeheele wereld door; met uwen dienaar, onzen geestelijkenVaden den Paus van Rome, en ai de ge-loovigen, die in het katholiek gelooiquot; en in de voortplanting van hetzelve 1 dienen. Amen.
Onder de Elevatie of Ophefjinq.
Weesgegroet, zaligheid der wereld, Woord des Vaders, H. Hostie,
waaraehtiglevendvleesch.geheele
52 uebeden onder Godheid, waarachtig menscli! Ik bid aanbid l'. Jesus Christus, en loof U; net want Gij hebt. voor ons stervende, nac de wereld verlost.Zie daar, hemel- ^ quot; sche Vader, uwen Zoon Jesus, die ik U door de handen van dezen pries- d ter nu o poller voor de zaligheid van allemensclien, en bij zonder tot eene ( volkomene zuivering van al inijne misdaden. tot voidoeniüg voor al mijne zonden, tot herstel van al mijne gebreken, tot verbetering van mijn zondig leven, tot oprechte dankzegging voor alle weldaden mij ooit bewezen, tot eene zalige vernieuwing van uwen geest in mijn hart, en tot verzekering voor mijne ziel van een zalig einde. Am.
Ka de Elevatie of' Opheffing,
O Jesus, o mijn Zaligmaker! ik bid 1' om uwe doornagelde handen -en voeten, hangende aan het kruis,
wees mij, arme zondaar, genadig. I k
de lieillke 3iis. 5o
bid 1quot;, heilige lidniaten van Jesus, neem ons in ii^re handen van genade, en draag ons op aan uwen Vader. O Vader! wees mij, bid ik l , om uwen Zoon, dien Gij ais middelaar gesteld hebt tussohen l' en ons, wees mij om zijnentwil genadig. O mijn Ai en eeuwig Goed! ontlerm 1quot; onzer, nu en als wij zullen sterven, Amen,
Het bloed om zes Heeren Jesus Christus beware onze ziel en lichaam ten eeuwig-en leven. Amen.
O allerminzaamste Jesus! door de menigvuldige en overvloedige uitstorting van uw dierbaar bloed. en door den onwaardeerbaren prijs van deze verzoenende offerande, wil mij van alle eigen liel'de en kwade negenheden zuiveren, en al mijne geestelijke krankheden genezen.en mij in oprechteliefde met U zoo vereenigen, dat ik nu niet meer, maar Gij in mij moogt leven. Amen.
54 GEBEDEN ONDER
eü i
GEBED. doe
O zachtmoedigste liefhebber mij- ik
ner ziel, Jesus Christus! ik bid U . der, door uw bitter lijden en sterven ,
vergeef mij genadig al mijne zon- vij
den: maak mij vast in het geloof. g'-
sterk in de hoop, vurig in de liefde. nt
geduldig in het lijden; U altijd lo- ült;
vende en gedurig dienende. Geef, h
bid ik U, den levenden genade, den igt;
geloovigenzielen verlossing, uwer n
heilige K erk eendracht en vrede, en I
ons het eeuwige leven. Amen. *
Memento of' Gedachtenis der qelooviqe zielen.
God, heilige Vader, wiens barmhartigheid groot en altijddurend is : wil toch al uwe dienaars en dienaressen geda e htig zij n, die c hr i stel ij k en met het teeken des gelool's uil deze wereld gescheiden zij u, bijzonder onze voorouders, mijn vader
DE HEILIGE MIS. 00
en mijne moeder, vrienden eu weldoeners, en al degenen waarvoor ik gehouden beu te bidden. ('Noem degenen, waarvoor gij luilt hidden.)
W il deze, o Heer, en alle geioo-vige zielen, in ('hristus rustende , goedertieren de genade verlee-neu die zij van 1 verlangen, hi na de vergiffenis har er zonden, laat hen leiden ter plaatse waar noch pijn, noch droefheid, noch zuchten meer zijn; waar wij uwe heilige Drievuldigheid met alle uitverkorenen mogen zien, van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.
Wees ook gedachtig, allergoeder-tierenste God, in deze allerheiligste offerande, de zielen van mijnen vaderen mijne moeder, van mijne broeders en zusters, van al mijne vrienden en weldoeners , en ook van die mij iets kwaad gedaan hebben : wees ook hen gedachtig, o mijn Heer en God, die om mij-
56 GEBEDEN ONDER
nentwille in pijn zijn, en alle alge- onz
storvene geloovigen; verleen hen onz door deze verzoenende offerande , nie dat zij van alle pijnen mogen ver- vai lost worden, en de plaats des zaligen vredes in de eeuwige heerlijkheid met uwe Heiligen mogen genieten. Amen. ^
O almachtige Vader! in de een-held van den heiligen Geest zij U ^ gegeven alle eer en heerlijkheid, in ^ alle eeuwen der eeuwen. Amen. e
1
Het Gebed des Heeren of het
Pater Noster. *
Door heilzame bevelen aangemoedigd en door goddelijke voorschriften onderwezen, durven wij vrijmoedig zeggen ; Onze Vader,
die in de hemelen zijt! Geheiligd zij uw naam; ons toekome uw rijk. Uw wil geschiede op de aarde als in den hemel. Geef ons heden ons dagelijksch brood. Vergeer ons
DE H. .AIIS. OI
onze schulden,gelijk wij vergeven onzen schuldenaren. En leid ons niet in bekoring: maar verlos ons van den kwade. Amen.
GEBED.
Wij bidden U. Heer, verlos ons van alle kwaad, dat verleden, dat tegenwoordig en nog aanstaande is: en verleen ons, doorliet voorbidden van de allerzaligste Maagd en Moeder Gods Maria, met de heilige Apostelen Petrus en Paulus, Andreas en alle Heiligen, genadig vrede in onze dagen, en dat wij, geholpen door de kracht van uwe barmhartigheid, ten allen tijde vrij blijven van alle zonden en genist van alle kwellingenen verwarring : door denzelfden Jesus Chris-tusonzen Heer, uwen Zoon, dieniet U leeft en heerscht, in de eenheid des heiligen Geestes, in alleeeuwen der eeuwen. Amen.
58 gebeden onder
De vrede des Heeren zij met Gij ^ u, en met uwen öreest. Amen. leve
(rlil
Het Annus Dei. ,.. j
liju
Lam Gods, dat de zonden der we- ^ ( reld wegneemt, ontferm U onzer. ^el I jam Gods, dat de zonden der we- ^ reld wegneemt, ontferm U onzer. va Lam Gods , dat de zonden der u , wereld wegneemt, geel' ons vrede. 0.g ó Heer Jesns Christus, die tot uwe y. Apostelen gezegd hebt: ik laat u den vrede, ik geel' li den vrede; zie niet op mijne zonden, maar op het geloot en de getrouwheid uwer hei- ^ lige katholieke Kerk, en verwaar- s dig V haar altijd in vredete stellen. 7 en in de eenheid te onderhouden : die met den Vader leeft en heerscht,
in de eenheid van den 11. Geest, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
Gebed.
Ik aanbid U, o mijn God. die onder de gedaante van brood schuilt.
DE H. MIS. 59
Gij zijt Christus, de Zoon van den levenden God. Ik geloof alles wat Gij geopenbaard hebt, en zal het belijden door zwaard en vlammen, en in den dood. quot;A s;jiaan dan, goeder-tierenste Jesus.' zeg tot mijne ziel: ik ben uwe zaligheid; zeg: ontvang den iieiligen Geest; zeg : dat u geschiede naar uwen wilzeg: ga in vrede: en ik zal U loven, vannu af totin de eeuwigheid. Am.
Domine, non sum diqnus.
Heer! ik ben niet waardig dat Gij onder mijn dak komt: maar spreek sleehtséro woord, eu mijne ziel zal gezond worden. Driemaal.
DE NUTTIGING.
ó Mijn Heer en mijn God ! geef mij te eten van het levende brood, waarnaar mijne ziel begeerig is, opdat ik blijve in U, en Gij in mij. Ach! dat ik U honderd,ja duizend-
6(» GEBEDEN ONDER
maal op eenen dag , ook waardig moclite ontvangen ! O mijn Jesus! sta mij bij door uw bitter lijden, nu en in het uur van mijn sterven. Ameu.
Xa de NnUiqincf.
Zoo dikwijls gij van dit brood zult eten en uit dezen kelk drinken , zult gij den dood des Heeren verkondigen, tot dat hij komt. Daarom, die dit brood onwaardig eet, en den kelk des Heeren onwaardig drinkt, die zal schuldig zijn aan het Lichaam en Bloed des Heeren.
De Heer zij met U en met uwen geest.
Gebed.
Verleen ons, Heer, dat wij vervuld worden van de eeuwige genieting uwer Godheid, welke door het tijdelijk nuttigen van uw dierbaar Lichaam en Bloed geheiligd wordt: die leeft met God den Vad'T.
DE H. MIS. 61
aar- in de eenheid des heiligen Geestes, Mijn God in alle eeuwen der eeuwen, tter Amen.
tiijn De Heer zij met u, en met uwen geest.
Ga, de dienst is geëindigd. . God zij gedankt.
. Laat, o li. Drievuldigheid, liet
quot; werk mijner dienstbaarheid Uaan-[r genaam zijn, en vedeen mij, dat itquot; deze offerande, die ik voor de oogen â¢o; van uwe Majesteit onwaardig opgeofferd heb, door uwe genade mij moge strekken tot eene verzoening: ' door Jesus Christus onzen Heer, die met U leeft en heerscht, in de eenheid van den H. Geest. Amen.
Dat ons zegene de almachtige en barmhartige Heer: de Vader, de Zoon, en de heilige Geest. Amen.
Het Evangelie van Joann. kap. I.
U zij glorie. Heer.
In het begin was het Woord, en
62 MiSGEBEDEN.
h et Woord was bij God, en God was het Woord. Dit was in het begin bij God. Alle dingen zijn daardoor gemaakt, en zonder dat is er niets gemaakt, van hetgene er gemaakt is. In hetzelve was het leven; en het leven was het licht der menschen: en het licht scheen in de duisternis, en de duisternis heeft het niet begrepen. Er werd een mensch gezonden van God, wiens naam was Joannes; deze is gekomen tot getuigenis: opdat hij getuigenis zoude geven van het licht, opdat allen door hem gelooven zouden; hij was het licht niet, maar omdat hij getuigenis zoude geven van het licht; het was een waar licht, hetwelk verlicht alle menschen , komende in deze wereld. Het was in de wereld, en de wereld is daardoor gemaakt, en de wereld heeft hem niet gekend. Hij kwam 4 in zijn eigen, en de zijnen hebben i
DE ZEVEN BOET-PSALMEN. ()3
hem niet ontvangen : maar allen die hem ontvangen hebben, heei't hij macht gegeven kinderen Gods te worden : dengenen , die in zijnen naam gelooven , welke niet uit den bloede, noch uit den wille des mans , maar uit God geboren zijn.
En het Woord is vleesch geworden en heeft onder ons gewoond , en wij hebben zijne heerlijkheid gezien , eene heerlijkheid als van deneeniggeboren Zoon des Vaders , vol van genade en waarheid. God zij dank.
De zeven Boet-Psalmen. Psalm 6. Damine, ne in furore, etc.
Heer ! straf mij niet in uwe verbolgenheid , en kastijd mij niet in uwe gramschap.
Ontferm U mijner, Heer, want ik ben zwak: genees mij. Heer. want mijne beenderen zijn ontsteld.
64 DE ZEVEN
En mijne ziel is zeer ontroerd ; zich maar Gij, Heer, hoe lang V scült; Keer V tot mij, Heer, en ver- ^ los mijne ziel; behoud mij om uwe barmhartigheid. ,
Want er is niemand die in den dood uwer gedachtig is: en wie zal ^ 1' in de helle loven V
Ik ben vermoeid van zuchten ;
ik zal alle nachten mijn bed was- eIi schen; met mijne tranen zal ik mijne rustplaats begieten.
Mijn oog is van de verbolgenheid ontroerd: ik ben verouderd onder al mijne vijanden. ^
Gaat weg van mij, allen die ongerechtigheid bedrijft; want de Heer heeft de stem mijns weenens verhoord.
De Heer heeft mijn smeeken gehoord; de Heer heeft mijn gebed aangenomen.
Laat al mijne vijanden beschaamd en geheel ontsteld worden : dat zij
BOET-PSALMEN. 65
zich haastig omkeeren en zich schamen.
Eere zij den Vader, pnz.
Psalm 31. Beati quorum, etc.
Zalig zijn zij wier ongerechtigheden vergeven , en wier zonden bedekt zijn.
Zalig is de man, wien de Heer de zonde üiet loegen kend heeft, eu in wiens geest geen bedrog is.
Omdat ik zweeg, zijn mijne beenderen verouderd , terwijl ik den geheelen dag riep.
Want dag en nacnt is uwe hand op mij verzwaard; in mijne ellende heb ik mij tot ü gekeerd , terwijl ik met doornen gestoken werd.
Ik heb mijne misdaad aan U bekend gemaakt; en mijne ongerechtigheid heb ik U niet verborgen.
Ik zeide : ik zal tegen mij mijne ongerechtigheid den Heer belijden; en Gij hebt de boosheid mijner zonden vergeven.
66 DE ZEVEN
Hierom zal een ieder heilige tot U bidden ten bekwamen tijde.
Ja, als er groote watervloeden komen, zullen zij hem niet naderen.
Gij zijt mijne toevlucht tegen de verdrukking, die mij omvangen heeft, mijne verheuging; verlos mij van hetgene mij omringt.
ik zal u verstand geven en u onderwijzen li den weg waardoor gij gaan zult: ik zal mijne oogen op u vestigen.
Wil niet worden gelijk een paard of muilezel, die geen verstand hebben.
Bedwing met gebit en toom de kinnebakken dergenen, die niet tot U komen.
Degeeseis des zondaars zijn veelvuldig : maar diegene die op den Heer hoopt, zal de barmhartigheid omringen.
V er blij dt u in den Heer en verheugt ü. gij rechtvaardigen, en
BOET-PSALMEN. 67
roemt in hem, allen die oprecht vhii harte zijt. Eere zij den Vader, enz.
Psalm 37. Domine , ne m furore : etc.
Heer! straf mij niet in uwe ver-bolgeiuieid, en kastijd mij niet in uwe gramschap.
Want uwe schichten steken in mij; en gij hebt uwe straffende i^and op mij verzwaard.
^ Er is geene gezondheid in mijn vleesch, ter oorzake uwer gramschap : er is geen vrede in mijn gebeente, om mijner zonden wille.
Want mij ne ongerech tigheden zij n boven mijn hoofd gestegen; en gelijk een zware last drukken zij mij.
Mijne wonden zijn stinkende en vervuild geworden, ter oorzake mijner dwaasheid.
Ik _ ben eilendig geworden en ten uiterste nfdergebogen: iku'a den geheelen dag bedroefd.
ant mijne b-ndencn zijn vol
68 DE ZEVEN
yau bedriegelijkheden: en er is geene gezondheid in mija vleesch.
!k ben verdrukL en tmi uiterste vernederd; ik brieschte van het gezucht mijns harten.
Heer! al mijne begeerte is voor U niet verborgen.
Mijn hart is ontroerd, mijne kracht heeft mij verlaten: ja zrlfs het licht mijner oogen is bij 'ïiij niet.
Mijne vrienden en mijne naasten zijn tegen mij aangekomen en opgestaan; en mijne naastbestaauden bleven van verre.
En die naar mij n ie sen stonden, deden geweld, en d ie k waad tegen mij zochten spraken ijdel heden en. verzonnen den geheeien dag bedrog.
Doch ik, als een doove, hoorde niet, en als een stomme, deed ik mijnen mond niet open.
En ik was ais een mensch die niet hoort, en die geene wederspraak in zijnen mond heeft.
BOET-PSALMEN. 69
Want op U, Heer, heb ik gehoopt : Gij, Heer mijn God, zult mij verhooreu.
Dewijl ik gezegd heb, dat toch mijne vijanden zich nimmer over mij verblijden : want als mijne voetei] wankelen, spreken zij trotsch tegen mij.
Want ik ben tot de geesels bereid. en mijne smart is altijd voor mijne oogen.
Want i k zal mijne m isdaad openlijk belijden en denken aan mijne zonden.
Doch mijne vijanden leven, en zijn machtiger dan ik; en die mij ten onrechte haten, zij n vermenigvuldigd.
Die goed met kwaad vergelden, lasterden mij, omdat ik het goede volgde.
Verlaat mij niet, Heer, mijn God! wijk toch van mij niet af.
Denk op mijne hulp, Heer, God mijner zaligheid.
70 BOET-PSALMEN.
Eere zij den Vader, enz.
Psalm 50. Miserere mei, etc.
Ontferm U mijuer, o God, volgens uwe groote barmhartigheid.
En naar de menigte uwer erbarmingen, wisch mijne boosheid uit.
Wasch mij meer en meer van mijue ongerechtigheid, en reinig mij vau mijne zonden.
Want ik beken mijne boosheid, en mijne zonde is altijd voor mijne oogen.
Tegen U alleen heb ik gezondigd en kwaad voor uw aanschijn gedaan : opdat Gij gerechtvaardigd wordt in uwe woorden, en overwint als Gij geoordeeld wordt.
Want zie. Gij hebt de waarheid lief; de onbekende en verborgene geheimen uwer wijsheid hebt Gij mij geopenbaard.
Besproei mij met hysop, en ik zal
BOET-PSALMEN. 71
gezuiverd worden; wasch mij, en ik zal witter worden dan sneeuw.
Geef vreugde en blijdschap aan mijn gehoor, en dat mijne vernederde beenderen door verheuging opspringen.
Keer uw aangezicht af van mijne zonden, en wiscli al mijne ongerechtigheid uit.
Schep in mij, o God, een zuiver hart, en vernieuw den rechten geest in mijn binnenste.
Verwerp mij niet van uw aanschijn , ec neem uwen heiligen geest van mij niet af.
Geef mij de blijdschap uwsheils weder, en versterk mij meteenen geest die mij bestuurt.
Ik zal den boozen uwe wegen leeren, en de goddeloozen zullen zich tot U bekeeren.
Verlos mij van de bloedschulden, o God, God mijns heils ; en mijne tong zal met blijdschap
72 DE ZEVEN
uwe rechtvaardigheid verheffen.
Heer! doe mijne lippen open, en mijn mond zal uwen lof' verkondigen.
Want hadt Gij eene offerande begeerd, ik zou die voorzeker opgedragen hebben : de brandoffers zullen U niet aangenaam zijn.
Een bedrukte geest is Gode een offer : een vermorzeld en verootmoedigd hart, zult Gij, o God, niet versmaden.
Heer! doe volgens uwe goedgunstigheid aan Sion wel; opdat de muren van Jerusalem opgebouwd worden.
Dan zult Gij de offeranden van rechtvaardigheid, de opdrachten en brandoffers aannemen: danzal men kalveren op uw altaar leggen.
Eere zij den Vader, enz.
Psalm 101. Domine exaüdi, etc.
Heer ! verhoor mijn gebed , en mijn geroep kome tot U.
BOET-PSALMEN. 73
Keer uw aangezicht van mij niet af; op wat dag ik verdrukt worde, neig uwe ooren tot mij.
Op wat dag ik LJ aanroepe, verhoor mij haastig.
Want mijne dagen zijn vergaan als rook, en mijne beenderen zijn dor geworden als een verdroogd hout.
Ik ben verslagen als hooi, en mijn hart is uitgedroogd : omdat ik vergeten heb mijn brood te eten.
Door het geluid mijns zuchtens kleeft mijn gebeente aan mijn vleesch.
Ik ben den pelikaan der wildernis gelijk geworden : ik ben geworden gelijk de nachtraaf in een huis.
Ik ben zonder slapen geweest, en geworden als een eenzame musch op het dak.
Mijne vijanden beschimpten mij den geheelen dag; en die mij prezen , zwoeren tegen mij.
T
74 DE ZEVEN
Omdat ik asch als brood at, en mijnen drank met tranen mengde.
Ter oorzake uwer gramschap en verbolgenheid; omdat Gij mij opgeheven en nedergestooten hebt.
Mijne dagen zijn als eene schaduw verdwenen, en ik ben als hooi verdord.
Maar Gij, Heer, blijft in eeuwigheid , en uwe gedachtenis van geslacht tot geslacht.
Gij zult opstaan en U over Bion ontfermen; want het is tijd harerte ontfermen, de tijd is gekomen.
Want hare steenen behagen uwen dienaren; en zij zullen medelijden hebben met haar stof.
En de volken zullen uwen naam vreezen, Heer : en al de koningen der aarde uwe heerlijkheid.
Omdat de Heer Sion heeft opgebouwd, en zich in zijnen luister vertoonen zal.
Omdat hij op het gebed der
k
BOET-PSALMEN. 75
en nederigen heeft g-ezien, en hun [e. verzoek niet versmaad heeft, en Men schrijve deze dingen voor ip. de navolgende geslachten: en het volk dat geschapen zal worden, zal den Heer loven.
als Want hij heeft van boven uit zijne heilige plaats nedergezien : de Heer heeft van den hemel nedergezien op de aarde.
Om het zuchten der gevangenen te hooren : om de kinderen der gedooden te ontbinden.
Opdat zij in Sion den naam des Heeren verkondigen, en zijnen lof in Jerusalem,
Als de volken zullen te zamen komen, en de koningen, om den Heer te dienen.
Doch hij heeft mijne kracht vernederd op den weg: mijne dagen heeft hij verkort.
Ik zeg : mijn God ! neem mij niet weg.
76 DE ZEVEN
Neem mij toch niet weg in het L:
midden mijner dagen : nwe jaren naai
duren van geslacht tot geslacht. It
Gij, Heer, hebt in den beginne tigfi
het aardrijk gegrondvest: en de he- besi
melen ziju de werken uwer handen. C
Die zulleti vergaan, maar Gij om
blijft altoos : zij zullen allen als yer
een kleed verouderen. 1
En gelijk een gewaad zult Gij vei
ze veranderen; en zij zullen ver- He anderd worden.
Maar Gij zijt altijd dezelfde , en va
uwe jaren zullen niet eindigen. m
De kinderen uwer dienaren zullen woningen hebben ; en hun ti zaad zal in eeuwigheid bestaan. v Eere zij den Vader, enz.
a
Psalm 129. De profundis, etc.
Uit de diepten heb ik tot II geroepen : Heer, Heer! verhoor mijne stem.
i
BOET-PSALMEN. 77
I Laat toch uwe ooren luisteren ^rei1 naar de stem mijner smeeking.
Indien Gij, Heer , de ongerech-'inne tigheden gadeslaat: Heer, wie zal ^e' bestaan ?
p1?; Omdat er bij U genade is, en (;r,J om uwe wet, o Heer, heb ik U ais verbeid.
Mijne ziel heeft op zijn woord (jIJ verbeid : mijne ziel heeft op den erquot; Heer gehoopt.
Dat Israël op den Heer hope, 612 van den morgenstond af, tot den nacht toe.
Want bij den Heer is barmhar-m tigheid, en bij hem is overvloedige verlossing.
En hij zal Israël verlossen uit al zijne ongerechtigheden.
Eere zij den Vader, enz.
Psalm 142. Domiue exaudi, etc.
r Heer! verhoor mijn gebed: luister naar mijn smeeken , volgens
78 DE ZEVEN
uwe waarheid : verhoor mij volgens uwe rechtvaardigheid.
En treed niet in het gerecht met uwen dienaar: want geen levend mensch zal voor uw aanschijn rechtvaardig zijn.
Want de vijand heeft mijne ziel vervolgd: hij heeft mijn leven ter aarde toe vernederd. Hij heeft mij in het duister gesteld, gelijk degenen die overlang dood zijn.
En mijn geest is in mij beangst: mijn hart is in mij ontsteld geworden.
Ik ben de oude tijden indachtig geweest: ik overwoog al uwe daden , de werken uwer handen overdacht ik.
Ik heb mijne handen tot u uitgestrekt : mijne ziel is voor U als aarde zonder water.
Heer! verhoor mij haastig : mijn geest is bezweken. Keer toch uw aanschijn van mij niet af, of ik
BOET-PSALMEN. 79
rol- zal worden gelijk degenen die ten
grave dalen.
net Doe mij vroeg uwe barm harend tigheid liooren : want ik heb op ijö U gehoopt.
Maak mij den weg bekend, dien iel ik moet bewandelen: want tot U er heb ik mijne ziel opgeheven, lij Heer! verlos mij van mij ae vijan-e- den : tot U heb ik mijne toevlucht genomen.
:: Leer mij uwen wil doen; want Gij zijt mijn God : uw goede geest zal mij geleiden op den rechten weg. r Om uwen naam, Heer! zult Gij mij doen leven : door uwe gerechtigheid zult Gij mijne ziel uit de verdrukking trekken, i En door uwe barmhartigheid zult Gij mijne vijanden verdelgen. En Gij zult ze allen vernielen, die mijne ziel verdrukken; want ik ben uw dienaar,
Eere zij den Vader, enz.
LITANIE VAN ALLE HEILIGEN.
Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons. God, hemelsche Vader, ontferm U onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
God, heilige Geest, ontf. Uonzer. Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Maria, bid voor ons.
Moeder Gods,
§3 Maagd der maagden, £5
3 Michaël, ^
a Gabriel, g
Raphael, ^
Alle heilige engelen en aarts- § engelen, ^
Alle heilige kooren der zalige geesten,
LITANIE VAN ALLE HEILIGEN. 81
H, Joannes de dooper, bid voor ons. H. Josef,
Alle heilige Aartsvaders en
Profeten,
H. Petrus,
Pauius,
Aodreas,
Jacobus,
Joannes, S
Tiioinas, ^
Ic Jacobus, o
rB PMllippus, ^
^ Bartholomeus, g
Mattheus, P
Simon,
Thadeus,
Matthias ,
Barnabas,
Lucas,
Marcus,
Alle H. Apostelen en Evangelisten, Alle H. Leerlingen des Heeren, Alle H. onschuldige Kinderen, H. Stephanus,
82 LITANIE VAN
H. Clemeiis , bid voor ons. Cornelius,
Cypriamis,
Laureutius,
Viucentius,
Dominicus met uwe mede-gezellen 7 ^ Mauritius met uwe mede-^ gezellen,
® Januarius met uwe medegezellen ,
Fabianus en Sebastianus, Cosmas en Damianus, Thomas,
Petrus van Milaan,
Alle heilige Martelaren, H. Silvester,
Gregorius,
Ambrosias, ^ Augustinus, S Hieronimus,
£lt; Hilarius,
Martinus,
Nicolaas,
ALLE HEILIGEN.
H. Antonius, bid voor ons. Dominicus,
Thomas van Aquine, Vincentius,
Hyacinthus, p Raymundus, ^ Ludovicus, % Albertus,
s Jacobus,
Antonius,
Benedictus,
Bernardus,
Franciscus,
Alle heilige Bisschoppen
Belijders,
Alle heilige Leeraars , H. Anna ,
Maria Magdalena, Martha,
§0 Felicitas,
3 Perpetua,
K Agatha,
Lucia,
Agnes,
84 LITANIE VAN
BL Cecilia, bid voor ons. Cathariua,
Margaretha, td
go Ursula met uwe medegezel- ^ S linnen, c
^ Anastasia, ^
Cathariua van Siena, g Agues,
Alle H. Maagden en Weduwen, Alle Heiligen Gods,
Wees genadig, spaar ons, Heer. Wees genadig, verhoor ons. Heer. Van de eeuwige verdoemenis, verlos ons, Heer.
Van eenen haastigen en onvoor-
zienen dood, lt;
Van de aanstaande gevaren ^ onzer zonden, S
Van alle kwelling des duivels, g Van alle onzuiverheid des gees- i0 tes en des lichaams , K
Van gramschap, haat en kwa- ^
den wil.
Van onzuivere gedachten.
ALLE HEILIGEN. 85
Van verblindheid des harten , Van bliksem en onweder ,
Van pest, hongeren oorlog, lt;1
Van alle kwaad, :i
Door de verborgenheid uwer §
heilige mensch wording , g Door uw kruis en lijden,
Door uwe heerlijke verrijzenis,
Door uwe wonderlijke hemel- %
vaart, r5 Door de toekomst van den Vertrooster, den heiligen Geest, Wij zondaren, wij bidden U, verhoor ons, Heer.
Dat Gij óns vrede geeft, ^
Dat uwe barmhartigheid en ^
genade ons beware , 5:
Dat Gij uwe heilige Kerk regee- ^
ren en beschermen wilt, ^
Dat Gij den Paus, en allen die ^ in den geestelijken staat zijn, ^
in den heiligen godsdienst o
wilt bewaren, pa Dat Gij de Bisschoppen met al
86 LITANIE VAN
de vergaderingen hun bevolen, in uwen heiligen dienst behouden wilt. wij bidden U , verhoor ons. Dat Gij den koningen en vorsten vrede en waarachtige eendracht veiieenen wilt,
Dat Gij al het christen volk ^ door uw dierbaar bloed ver- ^ lost, behouden wilt,
Dat Gij de vijanden der heilige è Kerk wilt vernederen , S-Dat Gij al onze weldoeners met ~ de eeuwige goederen wilt p vergelden, ^
Dat Gij onze ziel, eu de zielen 2 onzer ouders, vrienden en f-weldoeners , van de eeuwige § verdoemenis wilt behoeden, o Dat Gij de vruchten der aarde ®
wilt geven en bewaren , Dat Gij de oogenuwerbamhar-tigheid op ons wilt slaan, Dat Gij ons in uwen heiligen dienst wilt versterken,
ALLE HEILIGEN. 87 !
Dat Gij onze harten tot heraelsche j| begeerten wilt opwekken , wij 1 bidden U, verhoor ons.-Dat Gij U verwaardigt de ellenden der armen en gevangenen aan te zien en te verlichten , Dat Gij U verwaardigt al ie plaat- ^ sen, welke wij bewonen, te ^ bezoeken en te vertroosten, Dat Gij U verwaardigt deze è plaats met hare inwoners te p bewaren en te beschermen, ^ Dat Gij alle geloovige men- -schen, reizende ter zee of te â¢lt; land, in de haven der zalig- g-heid wilt brengen , §
Dat Gij ons in alle geestelijke ^ leeringen wilt onderwijzen , ê Dat Gij aan alle geloovige zielen * der overledenen de eeuwige rust verleenen wilt ,
Dat Gij U verwaardigt ons te
verhoeren,
Zoon Gods,
88 LITANIE VAN
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, spaar ons, Heer. Lam Gods, dat wegneemt dezonden der wereld, verhoor ons , Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zondea
der wereld, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer.
Christus , ontferm U onzer.
Onze Vader , enz.
v. En leid ons niet in bekoring. e. Maar verlos ons van den kwade.
PsALM 69. Deus in adjutorhm, efc.
God ! neem acht op mijne hulp : Heer ! haast u om mij te helpen.
Laat ze beschaamd en bevreesd worden, die mijne ziel zoeken.
Laat ze haastig temgkeerenmet schaamte, die mij kwaad willen. Laat ze terstond met schaamte i terug wijken, die met mij den spot drijven.
Laat ze verheugd worden en blijde zijn, allen die U zoeken, en laatze al-
alle heiligen. 89
tijd zeggen : groot geacht zij de Heer , die uwe zaligheid bemint.
Maar ik beu behoeftig en arm : o God , help mij!
Mijn helper en mijn verlosser zijt Gij, Heer! vertoef niet.
Eere zij den Vader, enz. v. Na het baren zijt gij eene onbevlekte Maagd gebleven. r. Moeder Gods, bid voor ons. v. Bid voor ous, heiiige vader
Domiuicus.
r. Opdat wij waardig worden der
beloften van Christus.
v. Dat het volk verkondige de wijsheid der Heiligen.
r. En dat hen lof geve de vergadering der geloovigen.
v. Wees gedachtig uwer vergadering.
r. Die gij van het begin bezeten hebt.
v. Maak uwe dienaars en dienaressen zalig.
90 litanie van
e. Mijn God , die in ü hopen. y. Wees ons een sterke toren. e. Voor des vijands tegenwoordigheid.
v. Beer! verhoor mijn gebed. e. En laat mijn geroep tot U komen.
GEBEDEN.
O God, wien het alleen eigen is genadig te zijn en te sparen : ontvang ons gebed, opdat uwe goe-dertierene barmhartigheid ous, en al uwe dienaren, die door de ketenen der zonde gebonden zijn, genadig ontbinde.
Wij bidden U, Heer, verhoor onze ootmoedige gebeden, en spaar degenen die hunne zonden belijden ; opdat wij te zamen vergiffenis en vrede van U verwerven.
Toon ons genadig, o Heer, uwe onuitsprekelijke barmhartigheid, en verlos ons te zamen van alle zonden, en van de straffen die wij door dezelve verdiend hebben.
ALLE HEILIGEN. 91
ó God, die door de zonden verzoend en door de boetvaardigheid wederom verzoend wordt: ontvang genadig de gebeden uws volksquot;, hetwelk zich neder werpt voor uwe grootheid, en neem weg de geesels uwer verbolgenheid , die wij door onze misdaden verdiend hebben.
Almachtige, eeuwige God! ont-lerm U over uwen dienaar on zen Paus N., en bestier hem door uwe goedertierenheid in den weg des eeuwigen levens; opdathij door uwe gunst begeere hetgene U behaagt, en het met alle kracht volbrenge.
0 God, van wien de heilige begeerten. de goede voornemens en de rechtvaardige werken voortkomen : geef uwen dienaren dien vrede, die de wereld niet geven kan; opdat onze harten, genegen tot het volbrengen uwer geboden , en wij van de vreeze der vijanden ontslagen zijnde, door uwe be-
92 LITANIE VAN
scherming in rust mogen leven.
Ontvonk, o Heer, ome nieren en onze harten door het vuur des heiligen Geestes; opdat wij U met een zuiver lichaam mogen dienen en met een rein hart behagen.
God, Schepper ^n Verlosser van alle geloovigen! geef aan uwe dienaars en dienaressen vergiffenis van al hunne zonden; opdat zij de genadige kwijtschelding, daar zij altijd naar verlangd hebben, door onze ootmoedige gebeden mogen verkrijgen.
Wij biddenU, o Heer, voorkom onze werken door den invloed uwer genade, en voltrek ze door uwe medewerking, opdat al onze gebeden en werken altijd door U beginnen, en door U begonnen zijnde, door U voleind mogen worden.
Almachtige, eeuwige God, die heerschappij hebt over levendenen dooden, enü ontfermt over allen die
ALLE HEILIGEN. 93
Gij voorziet dat door het geloof en goede werken de uwe zullen wezen: wij bidden U ootmoedig, dat degenen yoor welke wij onze gebeden storten, hetzij dat zij nog in het leven of nu al overleden zijn, door de voorspraak van al uwe Heiligen, en door uwe genade, vergiffenis van al hunne zonden mogen verkrijgen. Door Christus onzen Heer. Amen.
v. De almachtige en barmhartige Heer verhoore ons. r. Amen.
v. Dat de geloovige zielen door Gods barmhartigheid rusten in vrede. r. Amen.
korte voorbereiding tot de Biecht.
Behelzende vijf punten.
1. Bedank Ood voor zijne weldaden.
2. Vraag de genade van Qod den heilhgen Oeest.
3. Onderzoek naarstig uw geweten.
94 KORTE VOORBEREIDING
4. Verwek een berouw over uwe zonden.
ö. Neem vast voor u te beteren. 1. Dankzegging voor Gods weldaden.
Groote God! ik dank U voor al de weldaden, die ik geheel mijn leven van uwe goedertierene barmhartigheid ontvangen heb, en iü het bijzonder, dat Gij mij naar uw beeld geschapen, door het dierbaar bloed van uwen eenigen Zoon Jesus Christus verlost, van de erfzonde door den heiligen Doop gezuiverd, door het waarachtig geloof verlicht, en een lidmaat van de heilige Kerk gemaakt hebt. Ik dank U andermaal , dat Gij mij bevrijd hebt van zoo menigvuldige gevaren naar ziel en lichaam; dat Gij mij met zoo vele heilige inspraken begunstigd en tot dit uur in het leven gehouden hebt; dat Gij mij zoo dikwijls gespaard en mijne zonden door de
I TOT DE BIECHT, 95
Xfeiecht vergeven heb. Wat zal ik U \woor deze en ontelbare andere wel-iiaden, die ik van uwe milde hand ontvangen heb, wedergeven?
2. Verzoek de genade van den Heiligen Geest,
Kom, heilige Geest! versterk, bid ik U, de zwakheid van mijn geheugen, en verlicht de duisternis van mijn verstand door uwe heilige genade, opdat ik al mijne zonden indachtig worde en hare boosheid kenne. Beweeg ook krachtig mijnen wil, opdat ik mijne misdaden beweene en mijn leven betere. Kom, wasch in mij het onreine al', besproei wat dor is, en genees wat gekwetst is.
Bid 1 Onze Vader, en 1 Wees gegroet.
3. Onderzoek uw geweten.
Hoe lang is het geleden, dat ik
96 KORTE V0ORBEEEIDINGr
mijne laatste biecht gedaan heb ? Hebikmijneboetevolbracht? Welke zonden heb ik sedert met woorden , werken, gedachten en verzuim gedaan, als ook tegen de tien geboden Gods en de vijf geboden der heilige Kerk? Met wien heb ik verkeerd? Hoe heb ik mij gedragen in huis, in de kerk, op de straat, enz.?
4. Verwek een berouw over uwe
zonden.
Oneindige Majesteit! ik ben van harte bedroefd, dat ik U door mijne zonden vergramd heb, omdat Gij de opperste goedheid zijt.
Herhaal deze korte woorden, alsook de volgende, verscheidene malen met veel aandacht.
5. Voornemen om zich te beteren.
Ik verzaak mijne zonden, en maak een vast voornemen die niet meer te doen; de gelegenheden
I
TOT DE BIECHT. 97
ot dezelve te vluchteii, en mij te
eteren. Bijzonder die.....
Geef mij, Heer, eene waarach-ige droefheid over mijne zonden, eu de genade om mijne goede voornemens te volbrengen.
Deze vijf printen dienen ook voor het dagelijksci'i onderzoek des gewetens.
Keer u hierna ootmoedig tot den Priester, en begin uwe biecht in dezer voege :
DE VOORBIECHT.
Ik belijd aan Godalmachtig', en aan u Biechtvader, die Gods plaats hier bekleedt, dat ik gezondigd heb. Mijne laatste biecht is geweest......
Zeg hoe lang het geleden is dat gij gebiecht hebt.
Ik beschuldig mij dat ik heb.....
Zeg uwe zonden, alle doodzonden met het getal en de omstandigheden, die de zonden kunnen veranderen of bezwaren.
98 KOETE VOOEBEEEEDINGr
In mijnvoorgaandlevenhebik....
In dit geval herhaalt men eenige zonden uit zijn voorgaand leven.
DE NABIECHT.
Eindig uwe biecht in dezer voege:
Deze en alle andere zonden, die ik niet indachtig ben, zijn mij van harte leed, uit liefde tot God. Ik neem vast voor mij daarvan te beteren, en bid God om vergiffenis, door het dierbaar bloed van Jesns Christus. Ik vraag van u, Eerwaarde eene zalige penitentie en absolutie.
Gruwel der doodzonde.
L Van alle gruwelen die in de wereld zijn, of kunnen bedacht worden, is er geen grooter dan de doodzonde.
Wat kan er ongeregelder en afschuwelijker zijn, dan dat een redelijk schepsel, naar Gods beeld
TOT DE BIECHT. 99
geschapen, om een kort genoegen, om eene kleine tijdelijke winst, om eene ij dele eer, zich aankant tegen God, zijnen Schepper, Weldoener, Vader en Vriend,
Hoe groot en gruwelijkis de zonde, die tegen de oneindige schoonheid strijdig is! Zoo schoon als God is, zoo leelijk is de zonde.
II. Een zielloos lichaam wordt terstond afzichtelijk, krielt binnen weinige dagen van wormen. vervult de lucht met eenen on verdragelijken stank, en wordt zoo leelijk en vervaarlijk, dat er geheel de wereld voor schrikt. Maar wat is dit bij de verandering, die er geschiedde, toen uwe ziel door de zonde uit de rechtvaardigheid verviel. Hoe schoon was uwe ziel, toen zij nog leefde voor God, toen zij nog een kind van God, en eene bruid van Jesus Christus was. Maar hoe leelijk is zij nu, dewijl zij de kroon van haar hoofd
f!
|
! 1
100 KORTE VnORBEIDING en haar bruiloftskleed, dat is de beiligmakende genade, verloren heeft ; nu zij van hare inwendige schoonheid beroofd en eene slavin van den duivel geworden is! O schrikkelijke verandering, o ellendige afval van een kind Gods, van eene bruid van Christus, eene slavin te worden van den duivel! Yan den duivel, zeg ik, die bij dagen nacht nergens anders op uit is, dan op uw bederf. Hoe is het mogelijk dat gij nog vroolijk en tevreden zijt, daar gij u zeiven zoo schandelijk en ellendig verworpen hebt.
111. Doch laat ons dieper indringen in dezen schrikkelijken afgrond, en zien hoe groot uwe onbeschaamdheid is. Gij weet immers, dat God overal is; gij weet dat er voor hem niets verborgen is, xelfs niet het binnenste en verbor-genste van uw hart; gij weet dat
TOT DE BIECHT. 101
hij de oneind ig'e Majesteit is. En evenwel zondigt gij, alsof gij naar hem geenszins vroegt. O welke stoutheid, welke onbeschaamdheid, welke boosheid is het, dat een aardworm, als gij zijt. alzoo durft opstaan tegen zijnen Schepper, tegen den almachtigen God, tegen de opperste Majesteit!
IV. Maar uwe ondankbaarheid is niet minder dan uwe onbeschaamdheid. Wie is het, dien gij versmaadt? Is het niet uw allerliefste Vader, die ii voedsel en kleederen, ja het leven gegeven heeft, en u voortdurend onderhoudt ? Beschouw uw lichaam : is ieder lidmaat niet eene weldaad zijner handen? Hoe zijt gij dan zoo ondankbaar, dat gij de gunsten en gaven van dien zoo goedertieren en liefderijken God, van wiens alvermogenden wil gij van oogenblik totoogenbiik afhangt, durft misbruiken , om
102 KORTE VOOEBEREIDING-hem spijt eu leed aan te doen.
V. Ik vraag, o zondaar, wie is het dien gij vertoornt ais gij zondigt? Is het niet dien God, die zijnen eenigen Zoon niet gespaard, maar hem voor n gegeven beeft, om zijn dierbaar bloed te storten, welk bloed gij, toen gij zondigdet, onder uwe voeten tradt V
Doch; wat zeg ik : gij tradt niet alleen het bloed en het kruis van Christus onder uwe voeten, maar gij richttet voor hem weder een nieuw kruis op. Doeh geloof mij niet, maar geloof den heiligen Apostel, die van u en uws gelijken zegt:
dat zij, voor zoo veel in hen is, den Zoon Gods weder kruisigen; en openlijk tot schande stellen.
De Joden hebben Jesus overgeleverd om gedood te worden, naardien zij hem niet kenden; maar gij kruist hem, niettegenstaande gij gelooft dat hij uw God is.
TOT DE BIECHT. 103
De duivel wederstaat aan God , maar aan God, die hem verwerpt : hij aan God die hiem straft, maar gij aan God die n van oogenblik tot oogenblik zijne gunsten bewijst. Zie en bemerk, hoe gij in boosheid den duivel overtreft, dien gij nochtans verfoeit.
1
Hl
VI. Gedenk, oellendige zondaar, hoe gestreng God uwe zonden straffen zal, niet alleen hier, maar bijzonderlijk hiernamaals in de hel. Daal eens met uwe gedachten in dien vuurpoel, en bemerk daar een vuur dat eeuwig is. Er is niets pijnlijker dan het vuur, en er is niets langduriger dan eeuwig. Een eeuwig vuur, dat is, branden zonder einde ; branden 's morgeus, branden 's avonds, branden quot;s nachts, branden daags. Maar wat zeg ik, daags, daar het nooit dag, maar altijd duisternis en nacht is! O droevige, o eeuwige nacht, ontbloot van alle vreug-
at
104 KORTE VOORBEREIDING de, en vervuld met alle ellenden! fer, *
VIL Ik heb het allergrootste nog teg^ niet gezegd, hetwelk gij door de K zonde verliest, te weten God, van wiens aanschijn de zonde, zoo gij er in sterft ? u voor eeuwig berooft. O allergrootste verlies, eeuwig-God te derven!
VIII. Laat u niet voorstaan, dat God u sparen zal; want hij heeft de Engelen die gezondigd hadden , niet gespaard. Ja, wat meer is , hij heeft ook zijnen Zoon niet gespaard, maar hem geslagen, om de zouden van zijn volk. Welk een afschrik behoorden wij te hebben van de zonde, als wij overdenken, dathetde zonde is, die den Zoon Gods zoo wreedaardig en zoo schandelijk heeft doen sterven. Maar van den anderen kant,
welk een troost en vertrouwen behoort het in ons te verwekken, als wij overdenken, dat dezelfde eenige Zoon Gods een verzoenend slachtof-
TOT DE BIECHT 105
den! fer, en zijn bloed een geneesmiddel ' nog tegen onze zonden geworden is.
IX. Schep dan moed , o zondaar , want er is nog een middel om Gods gramschap te ontgaan. Wilt gij dat hij ii niet straft, zoo siraf u zeiven. Omhels de boetvaardigheid, wasch ii in hetbioed van Christus,verander uw leven, sta vast en getrouw in de deugd, en de pijnen der hel zullen alsdan voor u in eene kroon van rechtvaardigheid veranderd worden.
Opwekking tot een oprecht berouw, voor het kruis van Christus.
Ik werp mij hier neder voor u , minzaanste Zaligmaker, en beken mijne schuld , mijne allergrootste
Schuld. Ik ben het die gezondigd heb, ik heb ongerechtigheid gedaan, en bid met David, 2. Reg. 24, lï. dat u we hand op mijkome. En met den profeet Jonas, aan hetl. kap. neem mij op en iverp mij in de zee; want om mijnentwille
106 KORTE VOORBEREIDING is dat groote stormweder opgerezen.
Maar Gij, Heer , wilt mijnen dood niet, maar dat ik leve: daaro m uwe zijt Gij gestorven aan het krnis , ik en dat met opene armen, om mij in genade te ontvangen ; met gebogen hoofd, om aan mij den kus van vrede en van liefde te geven. O vervloekte zouden , beulen van mijnen Heer! o al le groote schuld , die niet volmaakt kan uitgewasschenworden, dan door het bloed van den Zoon Gods ! Ach , kon ik nu zooveel tranen storten, als bij nacht de hemel bezaaid is met sterren, als de zee druppels water bevat. O mijn God! dit verbond maak ik hier voor uw heilig kruis, dat ik nimmermeer tegen U wit opstaan; ik verzaak, sla af, en vervloek de zonden; ik ben bedroefd dat ik uwe goddelijke Majesteit vertoornd heb, niet omdat ik den hemel verloren , of de hel verdiend heb , maar omdat ik U ver-
TOT DE BIECHT. 107 rezen, gramd heb, die om U zelveü alle
'jnen liefde waardig zijt. Ik vertrouw op
LI'o m uwe barmhartigheid, te meer, daar
uis, ik weet, dat de verdienstee van
à in Christus grooter zijn, dan mijne en
§quot;60 aller menschen zonden, en dat Gij
'ede j zóó de wereld bemind hebt, dat Gij
kte j uwen eenigen Zoon gezonden hebt,
w! opdatniemand zoude verloren gaan,
ol- maar het eeuwige leven hebben.
in
qjj' Lofzang tot den H. Geest.
iQ, Veni, sancte Spiritus.
el Kom, heilige Geest! laat uit ?e den hemel nederdalen de stralen van uw goddelijk licht. Kom, Va-v der der armen! kom, Gever der gaven ! kom, Licht der harten ! i Allerbeste Vertrooster , liefelijke i gast der zielen, zoete verkoeling! In den arbeid zijt gij rust, koelte in de hitte, troost in het geween. O allerzaligste licht! vervul het binnenste der harten uwer geloovi-
108 OEFENING VAN DE gen. Zonder uwe Godheidskracht is er niets in den mensch; niets is er zonder zonden. Wasch dat vuil is, besproei dat dor is, genees dat gekwetst is, buig dat stijf is , verwarm dat koud is, bestuur dat verdoold is : verleen uwen geloo-vigen, die op U vertrouwen , uwe zeven heilige gaven; geef hun de verdiensten der deugd, geef hun een zalig afscheiden, geef hun de eeuwige vreugde.
oâlt;D£gt;âc
OEFENING VAN DE DRIE GODDELIJKE DEUGDEN.
Geloof, Hoop en Liefde.
Zeer heilzaam om voor de H. Biecht en Communie te lezen.
Het Geloof.
O mijn Heer en God ! ik geloof vastelijk, dat Gij aileshebt geschapen; dat gij alles bestuurt, en dat
DRIE GODDELIJKE DEUGDEN. 109 Gij rechter zijt van alles: belooner van het goed. en straffer van het kwaad. Ik geloof ook dat onze ziel onsterfelijk is, en dat men zonder de genade Gods niet zalig kan worden. Ik geloof ook, dat er één God is, drievuldig in personen, te weten : God de Vader, God de Zoon , en God de H. Geest, van welke drie goddelijke personen God de Zoon voor ons measeh geworden en den bitteren kruisdood gestorven is. Dit en alles wat onze Moeder, de heilige Katholieke Kerk , ons voorhoudt te gelooven, geloof ikvastelijk, mijn Heer en God, omdat Gij dit alles geopenbaard hebt. Gij die niet liegen kunt, want Gij zijt de eeuwige waarheid , en Gij zijt de eeuwige wijsheid. In dit geloof wil ik leven en sterven. Heer! wil mijn geloof vermeerderen.
110 OEFENING VAN DE De Hoop.
O mijn Heer en mijn God! ik hoop vastelijk, door uwe goddelijke barmhartigheid endoor de verdiensten van mijnen Verlosser en Zaligmaker Jesns Christus, te verkrijgen vergiffenis van al mijne zonden, fouten en gebreken, en ook alle middelen die tot mijne zaligheid noodig zijn, en na dit leven U eeuwig te aanschouwen. Dit alles hoop ik, omdat Gij ons zulks beloofd hebt: Gij die uwe beloften kunt houden, omdat Gij almachtig zijt; Gij zult en wilt uwe beloften houden, want Gij zijt oneindig getrouw en barmhartig. In deze hoop wil ik leven en sterven. Heer! wil mijne hoop versterken.
De Liefde.
O mijn Heer en God! ik bemin U uit den grond van mijn hart en ziel, niet alleen omdat Gij mij
DRIE GODDELIJKE DEUGDEN. 111
geschapen, verlost en geheiligd hebt, ook niet omdat Gij mij dagelijks weldoet, en mij na dit leven de eeuwige zaligheid wilt verlee-nen; maar bijzonder bemin ik U , om U zeiven, omdat Gij ons hoogste, opperste en oneindig goed zijt. Ook bemin ik, uit liefde tot U, mijnen evenmensch als mij zeiven. In deze liefd e wi l ik le ve n en s ter ven. Heer! wil mijne liefde volmaken.
Berouw.
O mijn Heer en God! ik verzaak en verfoei al mijne zonden, die ik van mijn kindsclie dagen af tot nu roe bedreven heb. Het doet mij leed uit den grond mijns harten, dat ik Uooit daardoor vergramd heb; niet alleen omdat ik daardoor verdiend heb van U rechtvaardig gestraft te worden, maar voornamelijk is het mij van harte leed uit liefde tot U, omdat ik U , mijn hoogste en
112 NIEUW ROZENHOEDJE, opperste goed, die alle liefde waardig zijt, quot;vertoornd heb. Ik neem mij nu vast voor, U, mijn God, nimmer weder te vergrammen, de gelegenheden der zonden te schuwen , oprecht te biechten, en de boete die mij opgelegd zal worden te volbrengen : liever duizendmaal wil ik sterven, dan U, o God, weder te versrara men. OJesus! door uwe heilige verdiensten, geef mij daartoe genade. Jesus! geef mij genade. Heer Jesus! geef mij genade.
NIEUW ROZENHOEDJE.
Het zekerste middel tegen de zonden bestaat in de ovenoeging der vier uiterste7i : de dood,, het oordeel, de hel, en den hemel.
Gedenk uwe uitersten, en in eeuwigheid zult gij niet zondigen. Eccl. 7.
Zeg bi) het kruis:
Gedenk uwe uitersten], en in eeuwigheid zult gij niet zondigen; zeg in de plaats van
NIEUW ROZENHOEDJE. 113 elk Onze Vader, driemaal : Ach, eeuwig is zoo lang ! en zeg in de plaats van elk Wees gegroet ; o Bood, o Oordeel, o Hel, o Hemel! Ga zoo voort van tientje tot tientje , en zeg in het wederkeeren tot het kruis : Gedenk uwe uitersten; enz.
Bemerk ten eerste , dat dit een heilzaam middel is, in weinige woorden vervat. Indien iemand het vasten en andere boete-werken niet kan verdragen, dat hij ten minste , om de eeuwige straf te ontgaan, deze korte oefeningen gebruike; zij die weinig tijd hebben, moeten ten minste een of twee dusdanige tientjes aandachtig lezen.
Ten tweede, is dit ook een zeker middel, want het is gegeven door den heiligen Geest, met de gewichtige belofte van zekere winst; want er staat uitdrukkelijk geschreven : in eeuwigheid zult gij niet zondigen.
Ten derde, deze zekerheid is bevestigd door verscheidene personen, die krachtdadig zijn ondersteund geworden in het overwinnen der zonde van onzuiverheid. Velen zijn er die jaren in den afgrond der boosheid verzonken waren, doch door het gedurig gebruik van deze middelen zijn zij ia korten tijd versterkt geworden, en heb-
114 VOOEBEEEIDING ben gezegd, dat het hun onmogelijk was weder te zondigen.
Ten vierde, het is zeer raadzaam , als ons, hetzij bij dag of bij nacht, eenige bekoring tot zonde overkomt, terstond dit middel gedachtig te zijn, met eens of tweemaal te zeggen : o Bood, o Oordeel, o Hel, o Hemel.
Ten laatste, in alle gewichtige zaken, bij eenig gevaar van zondigen, gebruik deze oefening; aldus zouden vele menschen krachtig geholpen zijn geworden bij het aanvaarden van eenen levensstaat, indien zij gedacht hadden : wat zou ik willen, in het laatste oordeel gedaan te hebben.
Godvruchtige Voorbereiding en Gebeden tot de heilige Communie.
Zij die met groote liefde en godsvrucht de heilige Communie ontvangen , ontvangen hare vruchten op eene uitstekende wijze; die er flauw toe nadert, geniet dezelve flauw; en ééne Communie met groote liefde en godsvrucht gedaan, baat meer dan vele andere. Maar om die vurigheid
TOT DE H. COMMUNIE. 115 te hebben, als men ter Communie gaat, moet men zich vooraf daartoe bereiden, en gewoonlijk 'naarmate men zich vooraf bereidt, zal ook onze vurigheid of godsvrucht zijn.
Zij die gewoon zijn alle maanden, alle veertien dagen of alle acht dagen tot de heilige Communie te gaan, zullen zeer wel doen, dat zij zich eenige dagen te voren bereiden. Die verscheidene keeren in de week gaan , zullen ten minste den dag te voren hiertoe besteden, weshalve dat geheel hun leven zulk eene gedurige voorbereiding tot de heilige Communie behoorde te zijn.
GEBEDEN VOOR DE HEILIGE COMMUNIE.
Verscheidene korte Gebeden, dienstig om zich tot de H. Communie te bereiden.
Hemelsche Vader, die de wereld zoo hebt bemind, dat Gij uwen eenigen Zoon niet hebt gespaard , maar voor ons allen hebt gegeven :
geef dat ivij dit werk uwer grooie liefde met dankbaarheid overdenken , en
116 GEBEDEN VOOE DE hetzelve in deze verborgenheid gedachtig zijn.
' Heilige Vader , die uwen Zoon, hebt gezonden, niet opdat hij de wereld zoude veroordeelen , maar opdat zij door hem zoude zalig worden 1 wees ons genadig, opdat wij nooit zijn heilig Lichaam en Bloed ontvangen tot ons voordeel.
Genadige Vader, die uwen Zoon op eene wonderlijke wijze , iu het heilig Sacrament hebt doen tegenwoordig zijn, opdat hij metons zoude blijven tot het einde der wereld:
geef dat wij nooit ondankbaar mogen zijn voor deze oneindige weldaad.
God Zoon, Verlosser der wereld, die hetvleesch aannemende, den menschzijt gelijk geworden .â¢gree/'
dat wij de gedachtenis van uwe groote liefde eeren , zoo dikwijls Gij in ons door dit heilig Sacrament icordt herhoren.
o Jesiis,die bewogen zijnde over
H. COMMUNIE. 117
de scharen die U vurig volgden, en hen verzadigd hebt: geef dat wij niet bezwijken op dezen levensweg, bij gebrek aan dit heilig voedsel.
o Jesus , die met bekende zondaren hebt willen verkeeren en eten : ivees ons genadig , die zondaars zijn , en kom onze zielen genezen ; die doodelijk ziek zijn.
ó Jesus, die , om de macht van uw rijk te toooen , eeDen grooten maaltijd hebt bereid in dit H. Sacrament , en er uwe onderdanen zoo minzaam toe hebt geroepen : geef dat toij met vreugde tof dezen maaltijd mogen komen, doch nooit zonder het bruiloftskleed aan te hebben.
o Jesus, wien Zacheus met blijdschap heeft ontvangen , en wien de honderdman, uit eerbied, niet onder zijn dak durfde laten komen:
maak dat vrees en liefde zich vereenigen als wij U zullen ontvangen.
o Jesus, die voor de instelling
:
.
118 GEBEDEN VOOE DE vau dit heilig Sacrament de voeten uwer Apostelen gewasschen
liebt: zuiver ook ons meer en meer, opdat wij te iv aar dig er aan moe tafel verschijnen.
Heilige Geest, die door uwe kracht de menschwordins: van Christus bewerkt, en de heilige Maagd geheiligd hebt, opdat zij eene waardige woonplaats zoude zijn voor den Zoon Gods: maak ons tot waardige woonplaatsen, om JeSUS in het heilige Sacrament te ontvangen.
Heilige Drievuldigheid, één God, die de kindereu van Israël in de woestijn met manna hebt gespijsd , waarin zij alles proeven konden, en hen (van die spijze ten laatste eenen walg hebbend) gestraft hebt : geef ons dat wij mogen smaken hoe zoet de Heer is , en dat onze ziel nooit van deze heilige spijze eenen afkeer hebbe.
H. COMMUNIE. 119
Heilige Maria, die uitverkoren zijt om te ontvangen, en negen maanden te dragen, den Heer van hemel en aarde : hid voor ons, opdat wij, denzelfden Heer met een zuiver hart ontvangende , hem ook in ons lichaam mogen dragen en in onze zeden vertoonen.
Alle heilige Engelen en Aartsengelen, die den Heer aangebeden, en terwijl Hij in de krib lag, zijne geboorte verkondigd hebt; die gedurig bij Hem in den hemel staat, en daarbij ia het heilig Sacrament
zijt: verkrijgt voor ons eene nroote liefde, om dikwijls en gaarne hij hem in dit heilig Sacrament tegemvoordig te zij7i, en Hem met eerbied te aanbidden.
Heilige Josef, bruidegom van Maria, en voedstervader van Jesus, die uwe bruid allen dienst, en aan het Kind allen eerbied hebt bewezen : bid voor ons, opdat wij aan JeSUS
120 GEBEDEN VOOR DE
in het heilig Sacrament allen eerbied
bewijzen.
Men kan hier ook de Litanie van het H. Sacrament des Altaars lezen , en het lijden van Christus overwegen.
Gebed en oefening van Geloof.
ó Jesus! ik geloof dat Gij in dit allerheiligste Sacrament waarlijk en geheel tegenwoordig zijt: maar vermeerder en versterk mijn geloof, om dit verheven geheim nog levendiger te gelooven.
Ach, hoe weinig kennis heb ik van uwe oneindige waarheid! Zie, de Engelen zelfs bewijzen ü den allergrootsten eerbied, de aartsengelen vreezen, de krachten der hemelen beven , de Serafijnen dekken hun aanschijn, de kolommen des hemels worden bewogen in uwe tegenwoordigheid ; en hoe zal ik, aardworm, ü, den Heer van eene oneindige Majesteit, komen ont-
H. COMMUNIE. 121
vangen? Ware het dat Gij mij eenen engel toezondt, ik zoude niet weten hoe hem liefde en eerbied genoeg te bewijzen. Maar wat zal ik voor U doen, die de Heer en Koning, ja de Schepper der engelen zijt ?
J oannes, de grootste onder de kinderen der vronwen, bekend dat hij niet waardig was uwe schoenriemen te ontbinden ; dat ik mij dan voor uw aangezicht niet dieper verneder, is, dewijl ik uwe groote waardigheid, zoowel als hij, niet kende, en omdatmijn geloof zwak is.
O Brood der engelen! hoe zal ik u in mijn hart laten komen, dat een poel van alle gebreken is, en dat zoo lang de schuilplaats der duivelen is geweest.
ö Jesus! de engelen, die zuiverder zijn dan de zon, achten zich niet waardig U te aanschouwen; en Gij laat mij niet alleen toe U te aan-
122 GEBEDEN VOOR DE schouwen, U te atinbidden, te loven en te beminnen, maar uwe goedheid gaat zoo ver, dat Gij wilt dat ik U zal ontvangen : dat Gij wilt rusten in het midden van mijn hart; en dat ik met U, in mij zeiven bezit geheel de Godheid, geheel de heilige Drievuldigheid , de vreugde des hemels. O Jesus! U te gaan ontvangen, als ik denk wie ik ben! Maar kan ik dit weigeren, als ik denk wie Gij zijt?
Zal ik vermetel zijn U te naderen , daar ik uwe heiligheid ken ? Zal ik mij vanU verwijderen, daar ik mijne ellende en mijnen nood ken? Helaas! ik belijd voor hemel en aarde, dat ik niet waardig beu de minste genade, van onder uwe dienaren gerekend te worden, veel minder de allergrootste, van aan uwe heilige Tafel te zitten en uw heilig Lichaam te nuttigen. Maar aangezien Gij, o Jesus, het begeert,
H. COMMUNIE. 123
en mij met den dood dreigt, indien ik niet kom, zal ik niet zoo zeer letten op mijne onwaardigheid,als op uw gebod en uwe goedheid.
Gebed en oefening van Hoop.
O minzame Jesus! Gij gebiedt mij dat ik met vertrouwen tot U moet komen, indien ik aan U deel wil hebben. Ach, het is een overgroot werk dat ik begin; want er moet eene woonplaats bereid worden, niet voor eenquot; mensch, maar voor God. O, mijn Jesus! Gij weet dat er in mij geene plaats waardig genoeg is voor zulk eenen gast; nochtans, o Jesus, wilt Gij dat ik kom : komt tot mij, zegt Gij , die heiast en beladen zijt, en ik zal u verkwikken. Bemoedigend woord in de ooren van den zondaar, waardoor Gij mij, arme zondaar, noo-digt om deelachtig te worden aan uw heilig Lichaam.
124 GEBEDEN VOOR DE
Vertrouwende, o Jesus, op uwe oneindige goedheid en vriendelijke uitnoodiging, kom ik tot U, omdat Gij het gebiedt. En wie zoude tot U niet komen, zoo vriendelijk genoo-digd zijnde ? Ik kom met blijdschap, niet omdat ik waardig ben, maar omdat Gij mij zoo minzaamnoodigt, en opdat Gij mij, die zonder ü niet leven kan, zoudt versterken door uw heilig Lichaam en Bloed.
En aanzie dan niet, o Jesus, dat ik vol ben van duisterheid en gebreken , want het is om verlicht en geholpen te worden, dat ik mij verstout tot U te komen; het is om versterkt te worden tegen mijne zichtbare en onzichtbare vijanden: tegen de wereld, opdat zij mij slecht en verCoeielijk zij, als ik den God des hemels heb ontvangen; tegen de bekoringen des vlecsches, opdat mij die niet overweldigen, als ik het zuivere vleesch van het Lam zonder
H. COMMUNIE. 125
vlekken ontvangeQ heb; tegen den duivel, opdat hij geen macht meer hebbe op mij, als God zelf in mij is.
Ik kom dan als een zieke tot den geneesmeester des levens , als een onreine tot de bron der barmhartigheid, als een behoeftige tot den Heer van hemel en aarde. Verwaardig U dan mijne ziekte te genezen, mijne onreinheid af te wasschen , mijne blindheid te verlichten, opdat ik het brood der engelen , den koning der koningen, den Heer der heeren, mag ontvangen met dien eerbied, die nederigheid en godsvrucht, welke dit heilige geheim van ons vereischt.
Gebed en oefening van Liefde.
Wie zal U niet beminnen,oHeer, die zoo minzaam en geheel de vreugd der Engelen zijt! Wiens hart zal tot U niet getrokken worden, die zoo waardig en goedertieren zijt! Wie zal zich niet bedroeven, dat hij
126 GEBEDEN VOOR DE liever den vervloekten satan heeft aangehangen dan U? O goedheid, o liefde, o barmhartigheid, waardoor Gij dit heilig Sacrament hebt ingesteld, en U zelven stelt tot spijze voor onze zielen! O onzichtbare God! hoe wonderlijk handelt Gij met ons; hoe zoet en minzaam is deze schikking voor ons, uwe uitverkorenen , aan welke Gij U zelven geeft in dit heilig Sacrament; hoe wonderlijk, hoe liefelijk, hoe wen-schelijk zijn de werken uwer liefde, dat Gij U zelve zoo mededeelt aan den mensch! O mijn Jesus! hoe is het mogelijk dat Gij, de Koning van hemel en aarde, in mij uwe woning komt nemen , ik, die als eene hel vol gebreken ben; opdat Gij mij verandert in eenen hemel vol genade en zegeningen. Ik belijd voor hemel en aarde, dat ik eerder verdiend had in het diepste der hel geworpen, dan in de
H. COMMUNIE. 127
zee eener zoo oneindige goedheid ontvangen te worden.
Welke vader werd er ooit gevonden , die zijne kinderen heeft gespijsd met zijn eigen vleesch en bloed? En dit doet Gij nochtans, allerliefste Jesus! Niet alleen aan lien, die Ualtijd getrouw gebleven zijn, maar ook aan die, welke in hun voorgaand leven, door hunne boosheden U hebben vergramd,. O mijneziel! watzijtgij niet verplicht te doen voor uwen Jesus; welk goed kunt gij weigeren te doen, of welke moeilijkheid te lij den, voor hem die die u zoo bemind heeft. O Jesus! ik wil U dan beminnen uit geheel mijn hart; voor U wil ik leven, U alleen wil ik dienen, dit is mij n voornemen. Om in dit voornemen versterkt te worden, verstout ik. mij uw aanbiddelijk Vleesch en Bloed te ontvangen; opdat Gij uwe goddelijke liefde in mijn hart zoudt ontsteken,
dUÃB
128 GEBEDEN VOOR DE en ia mij te niet doen, al wat U 1 miju mishaagt, en al wat Gij niet zijt. I al ^
I en lt;
Drie aanbiddingen van het allerheiligste 1 , Sacrament des Altaars. I ,
| stei
O allerheiligste Sacrament! ik 1 1 aanbid u en ik eer u uit het bin- 1 ^olt; nenste mijns harten : want gij be- 1 ^ vat in u, mijn Heer en mijn God, 1 mijn opperste goed, en al mijn troost en zaligheid. 1 oquot;
Onmetelijke goedheid, allerhel- I or ligsteziel. verheerlijkt Lichaam en V! dierbaar Bloed van eenen God, die zi mensch geworden is : ik aanbid U, h en ik wensch uit geheel mijn hart, dat alle redelijke schepselen ü i kennen, beminnen, dienen en aan- 1 bidden, uit al hunne krachten.
ó God, die vol goedheid en rijk in barmhartigheid zijt: maak dat uw heilig Sacrament mij een geneesmiddelzij vooral mijne krankheden, eene voldoening voor al
H. COMMUNIE 129
mijiie zondeü eene vervulling van al de deugden die mij ontbreken, en eene sterke verzekering tegen alle gevaren , die mij , levende en stervende , omringen.
In den naam des Vaders , en des Zoons, en des heiligen Geestes. Am.
Voorbereiding tot de H. Communie.
O gelukkige dag. o blijde ure , o vroolijk oogenblik, waarop ik zal ontvangen mijnen Jesus, God en Mensch , met zijn ziel en lichaam, zijn vleesch en bloed. levend en ver-heerlij kt , gelijk hij in den hemel is!
Minzame Jesus ! van waar komt mij het geluk, dat ik heden op mijne tong mag nemen en nuttigen het heilige der heiligen , het mirakel boven alle mirakelen, het hemelsch manna, de goddelijke spijze, het wonderlijk Sacrament.
Hoe is het mogelijk, dat de Schepper zich verwaardigt te komen tot
130 GEBEDEN VOOR DE zijn sehepseljde opperste Majesteit tot eenen worm der aarde, het oneindige /VI tot een ellendig niet! O goedheid , o barmhartigheid ; o liefde!
Staat verbaast, o hemelsche geesten , over de wonderlijke werken van den Heer! Gij omringtmet eerbied het altaar , ontroerd en bevende in de tegenwoordigheid van dit aanbiddelijk Sacrament; maar wie is er onder u , hoe verheven hij ook zij, die het geluk heeft van hetzelve te mogen ontvangen.
Minzame Jesns! ik bemin U uit al de krachten mijner ziel, omdat Gij alle liefde waardig zijt, en omdat Gij mij zoo bemind hebt, dat Gij mij hebt willen spijzen met uw eigen vleesch en bloed. Ach , had ik U nooit vergramd, oneindige goedheid!
Maar hoe zal ik mij durven ver-
h. communie. 131 stouten tot dezen goddelijken maaltijd te gaan, ik die vol zouden en gebreken ben ; ik kom nochtans , alhoewel ik geheel onwaardig ben , omdat Gij mij . o Jesus , zoo vriendelijk roept en gebiedt te komen, en integendeel zeer ge-dreigt met den eeuwigen indien ik weiger te komen, eer en aanbid U ; met allen mogelijken eerbied , o heilig Sacrament, ons van Jesus achtergelaten tot eene spijs onzer zielen, tot gedachtenis van zijn bitter lijden tot eene getuigenis van zijne onuitsprekelijke liefde , tot eene gedurige offerande der nieuwe wet, en tot een pand der hemelsche glorie.
Goede Jesus ! laat mij door deze heilige spijs smaken , hoe zoet het is, U alleen te zoeken, U te vinden, U te beminnen , en hoe bitter alle zoetheid is zonder U.
sireug dood ,
I k groet
Ik wensch U te ontvangen, met
ybiüi
132 GEBEDEN YOOE DE dezelfde stichting waarmede zoo vele heilige zielen U ontvangen hebben, bijzonder de allerheiligste maagd Maria , uwe lieve moeder. Ik vereenig mijne godsvrucht met hunne sticTiting, en mijne Comnm nie met hunne Communiën. Dat hunne vurigheid en godsvrucht aan vuile, al wat aan de mijne ontbreekt.
o Jesus ! had ik duizend harten, ik zou ze allen besteden om U duizendmaal te loven, te danken en te verheerlijken voor uwe on-uitsprekelij ke barmhartigheid.
Kom dan , o minnaar mijner ziel! kom , Gij zijt mijn Jesus, dat is Zaligmaker , maak mij zalig,, Gij zijt mijn Geneesheer, genees al mijne geestelijke ziekten. Gij zijt mij n Vader, bemin mij als uw kind. Gij zijt mij uBruidegom, ontsteekin mij uwe heilige liefde. Gij zijt mijn Meester, leer mij alles wat mij
H. COMMUNIE. 138
zalig en aan U behagelijk is. Gij zijt mijn Herder; roep mij. bestuur mij, en trek mij tot U. Ja, Gij zijt meer dan een herder, want welke herder voedt zijne schapen met zijn eigen vleesch en bloed ? Gij zijt mijn Heer , bind mij met de banden uwer zoete liefde.
Kom, lieve Jesus! spijs, zalf, verlicht mij; beweeg, ontsteek en verander mijne ziel; opdat zij door de kracht van dit heilig Sacrament der liefde tot wederliefde worde gedreven.
Ik wensch uit den grond van mijn hart, dat alle menschen U kennen en eeren in dit heilig Sacrament, en wilde wel dat ik konde herstellen al de oneer, die U in hetzelve wordt aangedaan.
Kom, minzame Jesus! ik verlang en haak naarU, als een gevangene naar zijne verlossing, een dorstige naar het water, een balling naar
lo4 GEBEDEN VOOR DE
zijn vaderland, een blinde naar het sclia
licht, een zieke naar de gezondheid, aan
Mijn wensch is slechts met U dacl
vereenigd te zijn; ik noodig U dui- ouz
zendmaal. Kom, verander mij in ter
eenen nieuwen mensch, en volbreng gW
alles wat ik U afgesmeekt heb. Am. en
' tot
Gebed voor de heilige Communie.
Ontvang, o allerheiligste Drie- ^ vuldigheid, deze heilige Communie van het lichaam en bloed onzes H Pleereu Jesus Christus, dat ik, on- ^ waardig mensch, nu begeer te ont- ^ vangen en aanU op te offeren, met s al de H. Communiën dieooit van de e rechtvaardige menscheu ontvangen N zijn. Ik draag ze U op uit oprechte ^ liefde tot uwe oneindige goedheid, met do meeniug van Jesus en zijne H. Kerk: ten 1. tot eeuwige liefde en welbehagen uwer goddelijke majesteit. Ten 2. tot erkentenis uwer opperste volmaaktheid en heer-
H, COMMUNIE. 135
schappij eu van onze onderwerping aaaU. Ten 3. tot eeue eeuwige gedachtenis van het lijden en den dood onzesHeeren Jesus Christus. Ten 4. ter eere en lot vermeerdering der glorie van de heilige Maagd Maria, eu geheel het hemelsch hof. Ten 5. tot eene eeuwige dankzegging voor alle weldaden van de allerheiligste menschheid onzes Heeren, van de heilige Maagd, zijne Moeder, mijne H.H. Patronen, van alle Zaligen en van alle menschen verkregen, en die aan mij, den alleronwaardig-ste, gegeven zullen worden in de eeuwigheid. Ten 6. tot voldoening van alle oneer, die Gods Zoon in het heilig Sacrament zoo menigvuldig lijdt. Ten 7. offer ik het om deze genade N. N. te verkrijgen , en deze N. N. fouten te verbeteren. Ontvang en volmaak dezen mijnen wensch, o oneindige goedheid; en om dit godvruchtig te volbrengen,
136 GEBEDEN VOOR DE indien het gebeurde dat ik heden stierf of deze mijne laatste Communie ware, zoo ontvang ik deze voor mijne laatste teerspijze, en verzoek dat mijne laatste spijs zij het lichaam en bloed van Jesus; mijne laatste woorden Jesus Maria; mijne laatste genegenheden liefde tot God, met volkomen berouw over mijnezonden; en mijn laatste troost, te mogen sterven door liet omhelzen van uwen goddelijkenwil. Am.
Lofzang ter eere van dod, onze spijze.
Na den bestemden tijd, bij God vooruit besloten,
Is 't Woord geworden vleesch, en heeft voor
ons vergoten Zijn bloed, zijn dierbaar bloed ; gezeten aan
zijnen disch,
Gegeven ons zich zelv', gebleven dat bij is. God wordt der menschen spijs! Wat wil
ik verder dringen ;
Wat zal ik eerst van U, wat zal ik daarna zingen ?
H. COMMUNIE. 137
O hemel! wees mijn hulp, opdat mijn zang niet faalt.
Van U is hier tot ons dit Manna neergedaald.
O goddelijke spijs, die voor den mensch geboren;
0 goede God! de mensch was zonder U verloren.
O Vorst uit Jnda's stam, gelijk een leeuw , men ziet
Dat al het helsch gespuis voor hem nu beeft en vliedt!
Het vleesch dat, van een' Maagd, Gods Woord heeft aangenomen.
En zoo ontvangen is, en zoo is voortgekomen ;
Het vleesch dat voor ons op Golgotha is gedood,
Dat wordt nu ons tot spijs, dat wordt ons hemelsch brood.
Natuur hier als bezwijkt, de moeder aller zaken,
Verbaasd door dit geheim, daar zij niet aan kan raken ,
Mits 't alvermogend woord van God dit wonder doet.
Het brood verkeert in vleesch, de wijn verkeert in bloed.
En Christus blijft geheel, en van hem niet gescheiden;
188 GEBEDEN VOOR DE
Geheel is hij in écu , geheel in alle beiden ;
Die in zich 't al begrijpt, die schuilt hier ook geheel,
Geheel in 't kleinste punt, geheel in 't grootste deel.
En daar het Woord is God, één altijd met den Vader,
Daar waar het lichaam is, daar zijn zij drie te gader :
De Vader, en de Geest, en 't Woord als God zijn één.
Het Woord, als Woord, aan 't vleesch verbonden is alleen
Gestorven, is God-mensch, en door zijn kracht verrezen;
Een die onsterflijk leeft, moet ook onlijd-baar wezen.
En wijl het lichaam leeft, noodzakelijk zoo moet
Alwaar liet lichaam is, daar wezen ook het bloed.
Veel duizend krijgen één, en doet één niet verkeeren;
En dat veel hebben één, doet één toch niet vermeeren.
Gelijkerwijs één stem van velen wordt gehoord ,
In velen is één stem, in veel' hetzelfde woord.
H. COMMUNIE. 189
Zoo is 't dat, door zich zelf', de springbron aller zaken,
Jehova in 't begin , uit niet kon alles maken,
Is minder nu zijn hand ? of wat weerhoudt zijn kracht;
Te maken, nu nog eens, dat eens is voortgebracht ?
Als gij dan dit geheim door 's Priesters hand ziet breken ,
Wil dan niet naar den schijn of naar uw oogen spreken;
Geloof en houd voor vast, dat hier in 't minste niet,
Al breekt men de gedaante, aan 't lichaam scha' geschiedt.
Is 't wonder dat ons hier onz' zinnen zoo bedriegen;
Is 't wonder dat ons hier ons klein begrip' moet liegen ?
Aanzie den ronden boog ; door Godes sterke hand
Geschilderd in de lucht , het zonlicht aangeplant ,
Spreidt zij haar purper kleed, grootaardig naar het leven ,
Met zilver geborduurd, met goud dooreen geweven !
Wat oordeelt gij hiervan , wanneer gij, naar uw waan ,
140 GEBEDEN VOOE DE
Rondom des werelds bol deez' groote streep ziet staan ?
Hier is noch wit, noch geel, hier is niets afgemalen ,
Zoo speelt de zon alleen met haar vergulde stralen ,
Hier tegen 't matte blauw; zoo dat daar voor gewis ,
Hetgeen gij meent te zien, in 't minste niet en is.
O voedsel onzer ziel! wij hebben u gevonden ,
Wij zuigen aan uw' zijde, en leven in uw' wonden.
Alwaar Gij zelve hebt geschreven, al voor lang :
Mijn vleesch is waarlijk spijs, mijn bloed is
⢠waarlijk drank :
Buig biddend hier uw hoofd, val neer tot aan de voeten;
In dit hoog Sacrament moet gij uw' Schepper groeten ;
In dit zoo hoog geheim, waar zijn' barmhartigheid
Voor ons zijn vleesch en bloed tot spijs en drank bereidt.
H. COMMUNIE. 141
Om den verloren tijd in te halen, is het zeer goed dit gebed dikwerf van harte te zeggen.
ó Zoete Jesus! ach, dat ik U al den tijd mijns levens alzoogediend, bemind en geloofd hadde, gel ijk alle Heiligen dit verlangen en begeeren te doen! Hoe gaarne zou ik U dat offeren, tot dankbaarheid voor al het goede, wat Gij mij bewezen hebt en in eeuwigheid bewijzen zult. Amen.
Godvruchtige groetenis aan den Heer Jesus.
In den naam onzes Heeren Jesus Christus moeten gebogen worden alle knieën dergenen, die in den hemel, op de aarde, en onder de aarde zijn; en dat alle tongen belijden , dat de Heer Jesus Christus is in de heerlijkheid Gods, des Vaders. Hem zij lof, eer en glorie,
142 GEBEDEN VOOE DE H. COMMUNIE.
in de oneindige eeuwigheid der eeuwigheden. Amen.
Tk aanbid, loof, yerheerlijk en dank U, Heer Jesns Christus, voor alle weldaden die mij van U gegeven zijn, en bijzonder dat Gij mij naar uw beeld geschapen, door uw dierbaar bloed verlost, tot uwen dienst geroepen, en over mijne zonden geduld gehad hebt. Ik bid U ook, o Heer Jesus Christus, wil U over mij, ellendige zondaar , ontfermen; wil mij in het uur mijns doodskwijtscheldeii,alwatiktegen U met gedachten. woorden en werken moge misdaan hebben; wil mij al het goede, hetwelk ik door onachtzaamheid mag verzuimd hebben, vergeven. Dit bid ik U, o Heer, door uwe eeuwige en heilige liefde: die leeft en heerscht, in eeuwigheid der eeuwigheden. Amen.
OEFENINGEN EN GEBEDEN
NA DE HEILIGE COMMUNIE.
oâlt;Sfgt;âO
De heilige Tlostie met allen eerbied genuttigd hebbende, keer n in uw binnenste tot uwen Jesus; laat uw hart alleen spreken, en haast u niet om mondoebeden te doen.
o
Beschouw u zeiven als een tabernakel en als een kleine hemel, omringd van de engelen, die hunnen Heer aanbidden,
Neem het oogenblik , waarin Jesus in u is, wel waar ; de Koning is in uw huis; toon hem uw verzoek, waar zoo veel van afhangt. Tracht ten minste een kwartier uurs in geestelijke oefeningen te blijven, en overweeg bijzonder het lijden van Christus; want hij heeft dit heilige Sacrament des avonds voor zijn lijden en dood, tot eene gedurige gedachtenis hiervan ingesteld.
0 Jesus, Jesus, Jesus! o mijne liefde! o uiijn al! geslachtofferd aan het kruis voor mijne zonden. O allerheiligste offerande! o groote offerande van de geheelf werf ld,
144 GEBEDEN NA DE die ik du in mij lieb! ik aanbid en verheerlijk U uit al de krachten mijner ziel.
O volheid, grondelooze zee! o oorsprong en bron van alle genaden en hemelsche zegeningen! ach, laat mijne ziel nu daaraan deelachtig en vervuld worden van uwe komst en uwe tegenwoordigheid in mij. O allerminzaamste Jesus! o allerschoonste en allerzoetste, o allermachtigste en allerwonderlijkste Jesns! o allergewenschte op aarde! dat al mijne krachtU verwelkome, die U verwaardigd hebt in mij te komen; dat al mijne beenderen opspringen, en mijn mond uitroepe ;
Heer! wat is er, en wie is U gelijk?
En daar Gij Ugewaardigt U aan mij te geven en met mij te vereenigen, verwaardig U alzoo mij met uwen Vader, als slechts één zijnde, ook te vereenigen, opdat, gelijk Hij in U altijd zijn welbehagen heeft, en
H. COMMUNIE. 145
U alle goeds wil, hij mij zal aanzien als vereenigd en één geworden met U.
Ach, dat ik al de krachten der menschen en engelen hadde, om die tot uwen lof en uwe liefde te besteden! Ach, dat ik U zulke lofzangen en begeerten van hemel-sciie liefde koude opofferen, gelijk er gedurig voor uwen heiligen troon worden gedaan, alwaar duizend millioenen engelen U omringen, die dag en nacht zonder ophouden roepen : heilig, heilig, heilig!
O liefde, die altijd brandt en niet uitgaat! O zoete Jesus, die mijn God zelf zijt! ontsteek mij geheel door uw goddelijk vuur; heilig mijne tong, op welke Gij als op een altaar hebt geleden; heilig mij ne oogen, die uw heilig geheim hebben aangezien; heilig mijn lichaam met al zijne krachten en zinnen,
die met U zoo vereenigd en ver-
10
146 GEBEDEN NA DE zameld zijn , opdat ik ze heilig gebruike tot uwe eer en glorie, en tot bevordering van mijne zaligheid.
0 mijn Heer! o mijn God! wat is dit, van waar komt mij dit onbegrijpelijk geluk? hoe is hêt mogelijk, dat nu niet de Moeder des Heeren, maar de Heer Jesus zelf tot mij en in mij komt, om mij deelachtig te maken zijner bloedige offerande aan het kruis! O mijne ziel! verheerlijk den Heer, en dat al wat in mij is zijnen heiligen naam aanbidde. Dat U, o mijn God, al mij ne krachten en bestaan verheerlijken; dat alle begeerten van mijn hart zich in U verheugen.
O liefde, o goedheid! o almacht van eenen mensch-geworden God! Oneindige vernedering, onbegrijpelijke vernietiging is het, dat Gij, o Jesus, U zoo vernedert en U verwaardigt in mij n binnenst te komen;
H. COMMUNIE. 147
in mijne ziel, om haar te bezoeken ? te genezen, en om haar zoo te ver-eeren. Gij, mijn Schepper, Verlosser en mijn al; en ik een arm schepsel, een weinig stol' en asch, een worm der aarde; Gij, de Koning der eeuwige glorie, de Beheerscher vau hemel en aarde, de oneindige hoogverhevene Majesteit; en ik een verloren, vuil en onnut vat, eene bronwel van zonde! En Gij komt van den hemel tot mij, om mij met uwe hemelsche genade te vervullen, om van mij eenen kleinen hemel te maken.
O wonderlijke zaak! o onbegrijpelijke verborgenheid! o goede God! hoe handel t Gij zoo met uw schepsel, en voedt Gij aizoo eenen aardworm met uwe allerbeste goederen ! O hemelen! zijt verwonderd, en gij aarde, sta verbaasd o ver deze zaak.
Wees dan welkom, o mijn Vader, o mijn Koning, mijn Al! wees dui-
148 GEBEDEN NA DE zend en duizend milioenen maal welkom in het arme stalletje en kribje van mijn hart, om daar herboren te worden en te rusten, Ach! word toch geestelijk herboren in mij, levende en blijvende in mij door uwen geest, door uwe genade en liefde. O hemelsche geesten, die hier rundom mij z^jt, om uwen Heer en God, die in mij rust, te loven en te danken : ach! looft en dankt hem voor mij over deze onuitsprekelijke weldaad en overgroote genade. En ik, o Jesus, terwijl ik mij bij uwe heilige Engelen voeg, roep met hen: heilig, heilig,, heilig! ik aanbid U, ik loof, ik dank en verheerlijkU met hen, o zoete Jesus! Wat is er toch, dat U heeft bewogen om alzoo in mij te komen ? Alles is arm en koud, wat in mij te vinden is; wat heeft er U anders toe bewogen, dan uwe liefde tot ons? Het was dan niet genoeg voor uwe
H. COMMUNIE. 149
liefde, dat Gij voor ons den bitteren dood stierft, maar Gij hebt ook dit heilig Sacrament willen instellen, om door hetzelve in ons te komen; opdat wij uwen dood en uwe liefde zonden gedenken, zoo dikwijls als wij hetzelve ontvangen, en om ons aan uwen dood op eene uitstekende wijze deelachtig te maken.
J/s de Joden van hunne zoenoffer an den eden, gedachten zij dot die door hen geslachtofferd ioaren, zoo ook als de Christenen hei vleesch van .Jesus nuttigen, gedenken zij dat het voor hen is opgeofferd.
Oefening om het lijden van Christus te overwegen.
Ik groet, aanbid en verheerlijk U, allerheiligste Lichaam van mijnen Jesus, doorwond en doorsneden van de zweepen en roeden, overdekt en bekleed met uw purper bioed. {denk als gij dit zegt
150 GEBEDEN NA DE aan Christus en aan ieder lidmaat dat gij noemt.) O goddelijk hoofd, doorstoken en met zoo schrikkelijke doornen gekroond : ik aanbid n, wees verheerlijkt en aangebeden van alle schepsels. O allerliefst aanschijn, blauw geslagen en overdekt met de walgelijkste vuiligheid van het speeksel der Joden : ik aanbid en verheerlijk u. O gezegende tong, heilige mond en heilige ingewanden van mijnen Jesus, verdroogd en verstikt door den dorst, gansch vervuld en bitter gemaakt door gal en myrrhe : ik aanbid u. Ik groet, verheerlijk en aanbid u, o doorwonde handen en voeten, die zoo wreed voor mij aan het kruis zijt genageld geweest.
Ik bedank U, o Jesus, omdat Gij voor mij al die pijnen en den bitteren dood hebt willen ondergaan. Ach! dat ik toch nooit zoo ondankbaar mochte zijn, dat ik
H. COMMUNIE. 151
deze zoude kunnen vergeten. Maar doe mij navolgen wat ik heb ontvangen ; geef mij, dat gelijk dit heilige Sacrament ons gedurig uwen dood vernieuwt, ik ook gedurig sterve aan alle kwade driften , en ik in mij den menschdoode. O Jesus ! bloed van de nieuwe wet: schrijf met dat bloed uw lijden in mijn hart, opdat het er nimmer worde uitgewischt.
Oefening om verscheidene vragen te doen aan Christus.
O mijn Jesus ! ik werp mij als eene andere Magdalena aan uwe heilige voeten en wensch daarop uit te storten twee beeken van tranen : tranen van droefheid, omdat ik U , mijn opperste Goed en zoo minzame Vader , vergramd en zoo dikwijls llauw en ongetrouw gediend heb ; tranen van blijdschap, omdat ik U in mij heb, die de
152 GEBEDEN NA DE machtige Koning zij t, die mijne ziel kunt beschermen en bewaren ; omdat ik U ia mij heb , die de groote herder en heelmeester mijner ziel zijt, die haar kunt genezen , zuiveren , heiligen en al hare zouden vergeven , omdat ik U in mij heb , in wiens handen mijn eeuwig geluk of ongeluk is.
o Jesus ! toen Gij op de wereld zichtbaar wandeldet, werden al de huizen , welke Gij bezocht, gezegend , en werden allen , die met een groot geloof tut U kwamen, genezen van al hunne kwalen. Ach , zegen nu ook het huis waarin Gij U verwaardigd hebt te komen; genees toch mijne ziel van al hare geestelijke wonden. Dat uwe diepe ootmoedigheid, o Jesus , mijne hoovaardigheid geneze , en uwe zachtmoedigheid mijne hardheid. Dat uwe zuiverheid , o Lam zonder vlekken, mijne kwade natuur
H. COMMUNIE. 153
geneze, opdat ik nooit den prikkel des vleesches gevoele. Dat uwe goedertieren beid en liefde mijne afgunstigheid en kleine liefde geneze, en uwe naarstigheid mijne traagheid; dat uwe geduldigheid mijne ongeduldigheid verbetere, en dat uwe mildheid mijne gierigheid geneze.
Is het dat ik tot straf van vorige zonden de aanvechtingen mijner kwade driften moet ondergaan, zoo laat tiiet toe, dat ze mij overmeesteren, en dat ik in de vorige zonden val le, maar dat ik ze getrouw moge wederstaan, en ü , o Jesus, niet verlaten, maar door een beter leven meermaals deze spijs mag ontvangen en metU vereenigd zijn. O Jesus ! o eeuwige wijsheid des Vaders! o eeuwig licht, van het eeuwig licht! verlicht mijne ziel inwendig; laat een straaltje van uw goddelijk licht in mijn verstand vloeien, opdat ik iets moge zien
154 GEBEDEN NA DE van hetgeen Gij zijt : iets van de schrikkelijke eeuwigheid , eu hoe kort en broos het leven is.
Godvruchtige vragen van den heiligen Augustinus, die met veel aandacht moeten uitgesproken worden.
Geef mij , o zoete J eSUS, qeef mij dat ik mij kenne,datikU keimeen dat ik niets anders begeere dan U.
Dat ik mij hate, en dat ik U be-minne, en dat ik alles doe om U.
Dat ik mij vernedere, opdat ik Uverheiïe,en niet denke dan op U.
Geef mij , olievn J(\SUS, geef mij, dat
ik mij verlate, opdat ik ü alleen eu altijd wensche na te volgen.
Dat ik van mij vluchte, en tot U vluchte, opdat ik verdiene bevrijd te zijn door U.
Dat ik mij zei ven vreeze, eu U vreeze, opdat ik mag zijn ouder uwe uitverkorenen.
Dat ik mij mistrouwe, en op U
â
H. COMMUNIE. 155
betrouwe, en dat ik U in alles gehoorzame.
Dat ik tot niets anders lust hebbe dan tot U; en dat ik gaarne arm zij om U.
Zie op mij, opdat ik U bemiune; roep mij, opdat ik tot U kome, en U in eeuwigheid raag genieten. Amen.
DANKZEGGINGEN
om God te danken na de heiliqe Communie.
O mijn God! wat zal ikU wedergeven voor deze groote weldaad, dan dat ik mij zeiven opdraag tot uwen dienst, eu tracht getrouw te blijven in al hetgeen Gij van mij begeert. Maar dit ben ik U schuldig, omdat Gij mij hebt geschapen; dit ben ik U schuldig, omdat Gij mij hebt verlost: wat zal ik er dau bijvoegen, omdat Gij mij hebt gespijsd met uw vleesch en bloed? Geef mij
156 GEBEDEN NA DE j
dan, o Jesus, dat ik, die om zoo veel reden verplicht ben mij gansch tot uwen dienst te besteden, nu ten minste U getrouw blij ve.
ö Jesus, die mij hebt bemind met eene eeuwige liefde : wat zal ik U wedergeven ? Mijne liefde is te klein; ik kan U slechts wederliefde betoonen. O, wie geeft mij een ander hart der Heiligen , wie geeft mij de liefde van alle Gods lieve vrienden, opdat ik iets waardigs moge bijbrengen, en de liefde van Jesus met wederliefde moge beantwoorden.
o God! al had ik duizend lichamen, wier deelen allen monden werden, en wier haren tongen waren, die niet ophielden nacht en dagU te danken, en die alien U ter liefde smolten en zich verteerden : wat zoude dit knnnen opwe gen tegen hetgeen ik U behoorde te geven ?
H. COMMUNIE. 157
Ben ik dan zoo nietig, dat ik U mijn God, niets waardigs kan geven? Geef dat ik mij, ten minste het weinige dat ik heb en ben, U oprecht opdrage.
Ik offer U dan tot dankzegging mijn hart op, vereenigd met het uwe, omU altijd te beminnen: mijn lichaam met deszelfs vijf zinnen , (en bijzonder mijne oogen) die ik gestadig zal trachten te doen versterven , en gebruiken wil tot het volbrengen van uwen wil, tot bevordering van mijne zaligheid en van die van mijne naasten, en om niet te leven dan voor U, mijn God en mijn Al!
Geef mij, dat ik mij zeiven alzoo opdrage aanU, die U zei ven aan het kruis voor mij hebt opgeofferd; dat ik mij ganschaan U geve, die U zeiven eerst gansch aan mij gegeven hebt, en dat ik niet leve dan voor uwen Vader.
158 GEBEDEN NA DE
Geloofd en gezegend zij het allerheiligste Srcrament des Altaars.
Mijn vleesch is waarlijk spijs , en mijn bloed is iv aar lijk drank : zoo wie mijn vleesch eet en mijn bloed drinkt, die blijft in Mij en Ik %n hem.
Aldus spreekt Christus, de eeuwige waarheid, bij Joannes; cap. 5. v. 80 en 56.
LOFZANG,
ter eere van het allerheiligste Sacrament des Altaars.
Mijne ziel, sta hier wat stil, en wil met
nw gedachten Toch gaan in uwen grond, om daar eens
te betrachten.
De liefde van dien God, wiens grootheid
heeft geen end',
Bewezen aan den mensch, in 't heilig Sacrament.
't Is waar, dat geen verstand genoeg kan
achterhalen,
Ook van de Eng'len zelfs, noch tong het kan vertalen ,
H. COMMUNIE. 159
Hoe dat die groote God, die hemelen en aard'
Door zijn almogendheid gemaakt heeft en bewaart,
Voor wien met ootmoed staan de schaar der Cherubijnen,
Voor wien ootmoedig beeft het koor der Seraphijnen,
Voor wie al wat bestaat zich zeiven buigen moet ,
Wiens aangezicht alleen heel 't aardrijk beven doet .â
Dat deze God, zeg ik, uit's hemels hooge zalen ,
Verlatende zijn rijk , op de aarde neer komt dalen
In 't heilig Sacrament, alwaar dat onder schijn
Van brood zijn lichaam rust, en bloed in plaats van wijn ;
En dat tot spijs en drank van ons, ondank-bre menschen ;
Tot voedsel onzer ziel , tot troost van onze wenschen.
O wonderbare zaak ! o afgrond aller min !
O groote majesteit ! wat komt U in denzin.
Dat Gij U dus verneert ? 't Was tegen alle reden,
Dat e»nig Koning zelf kwam tot den slaaf getreden ,
160 GEBEDEN NA DE
Omdat hij niet alleen zou geven al zijn goed ,
Maar ook uit zuiv're min, hem schenken lijf en bloed :
Dat was een zeldzaam werk, bijna niet te gelooven,
Dat was een dwaze min, die zulk een vorst zou rooven
Van zinnen en verstand, nochtans, 't is zoo volbracht,
Dit wonder is geschied voor 't menschelijk geslacht.
Wat is dit anders. Heer, wat heeft het te bedieden,
't Geen ik op het altaar gestadig zie geschieden ,
Dan dat Gij, groote God, U eigen zeiven geeft
Aan mij, uw armen slaaf, opdat mijn ziele leeft!
Vergeef mij 't geen ik zeg, het is nochtans waarachtig :
Al zijt Gij eeuwig wijs en rijk, en alles machtig;
Gij weet. Gij hebt. Gij kunt aan mij niet geven meer.
Want zoo ik zelve weet, Gij zijt het al; o Heer!
O liefde veel te groot, die Gij ons komt te schenken,
H. COMMUNIE. 161
De Euglen staan verbaasd, niet wetende wat te denken,
Als zij den armen mensch zien nutten, zonder vrees,
In 't heilig Sacrament, Gods eigen bloed en vleescli.
Wanneer ik dit bedenk, durf ik mij niet verstouten
Om U te nuttigen, ik ben te vol van fouten,
Mijn armoe is te groot, mijn zuiverheid te klein,
Voor U, voor wien toch zelfs de hemel is onrein,
Maar wat is dit gezegd ? Ik ben verplicht te zwijgen;
Ik hoor dat Gij, o Heer, den mensch nog komt bedreigen.
En zegt : zoo wie hier niet ontvangt mijn vleesch en bloed.
Weet dat voor eeuvviglijk zijn' ziele sterven moet.
ó God en Opperheer! is dit zoo uw sententie ?
ó Welke strenge wet, wat zalige intentie !
Wat schriklijk dreigement, wat liefderijk gebod :
De arme kranke mensch moet nutten zijnen God!
Welaan dan, zoetste Heer, ik geef mij gansch gevangen,
11
162 GEBEDEN NA DE
Dat uw wil geschiede, is mijn geheel verlangen ;
Ik werp mij voor U neèr, naar U is 't dat ik haak ,
Die zijt mijn spijs en drank, vol hemelzoete smaak.
ö Manna, heilig brood, dat mijne ziel doet leven;
6 Kostelijke drank, zoo liefderijk gegeven;
ó Maaltijd vol vermaak, o goddelijk banket,
't Welk van mijnen God mij hier wordt voorgezet,
Gij zijt, o Jesus zoet, het voedsel mijner krachten,
Het einddoel van mijn wil, het beeld van mijn' gedachten;
Het licht van mijn verstand, de zeilsteen van mijn hart,
De toevlucht in den nood, de troost in al mijn smart;
Gij zijt, in zieledorst, een levende fontein;
In ziekte, angst of nood, een zoete medicijn;
De voeder van mijn' ziel, de stuurman van mijn schip.
Het wit waar ik naar schiet, de honig vart mijn' lip;
Gij zijt, zeg ik, de schat, waarnaar ik steeds wil graven,
TT. COMMUNTE. 168
En na mijn ware reis, de lang gewenschte haven.
o Jesus, Jesuszoet! Gij zijt het opperst Al,
Dat ik met hart en ziel gestadig loven zal.
Ach, hadde ik nu eens, naar mijn begeer en wenschen ,
De tongen al te maal der Engelen en der menschen,
Om met een zoet geluld te zingen uwen lof!
Maar nu dit niet kan zijn, beroep ik 't hemelsch hof:
Komt, komt dan altemaal, sij schoone Cherubijnen,
Komt, in de liefde Gods ontstoken Serafijnen ,
Erkent hier uwen God , aanbidt hier uwen Heer,
Aartsenglen ongeteld, komt, looft hem meer en meer!
Komt ook met zoet geluid, gij Vorsten j Potentaten
Van 's hemels koningrijk, wilt uwe troonen laten,
En daalt hier neêr te zauiu, en looft Hem zonder end'.
Die dus vernederd schuilt in 't, heilig Sacrament.
Gij hemel, zon en maan, gij schoone sterre-lichten ,
164 GEBEDEN NA DE
Wilt voor den Heer vair 't Al ook eenen lofzang dichten.
Komt ook met dankbaarheid, gij water, licht en vuur;
Gij aarde, lucht eu zee , looft hem te aller uur.
Komt vogeltjes der lucht, uw bekjes wilt ontsluiten ,
Looft uwen Schepper ook, met uw zoet-aardig fluiten;
Komt vischjes in de zee, vergadert u te zaam ,
Om zoo op uw' manier te prijzen zijnen naam;
Komt dieren desgelijks, die op de aarde leven,
Komt aan den Opperheer de hoogste eere geven ;
Komt boomen', gras en kruid, en bloemen wonderschoon ,
Komt, maakt voor uwen God en Schepper eenen troon.
Dit is, o Jesus zoet 1 dit is al mijn verlangen ,
Dat al wat ooit van U het wezen heelt ontvangen ,
U geve alle eer, U love zonder end';
Die dus, uit liefd' tot ons, rust in dit Sacrament.
H. COMMUNIE. 165
Maar als dit nu, o Heer, zoo k'vaiïie te geschieden ,
Al deze lof en eer had toch niets te be-dieden,
Daar Gij oneindiglijk meer eere waardig zijt,
Waarin ik mij verheug, o hoogste Majesteit.
Ik kome dan tot U, en vvensch, o Heer der Heeren!
Dat Gij U zelf voor ons naar uw' verdiensf wilt eeren
En loven zonder eind , opdat van nu af aan,
Onz' plichten door U zelf zijn eeuwiglijk voldaan.
Looft en prijst nu zonder end ,
Hier het heilig Sacrament.
Verzuchting van eene christelijke ziel tot Jesus , haren beminden , verborgen in het geheim des Altaars.
Mijn ziel verlangt naar II, o lieve Jesus zoet,
Gelijk een dorstig hert dat naar het water spoed :
U wensch ik te ontvangen in 't heilig Sacrament,
Waar mijn vast geloof U tegenwoordig kent.
166 GEBEDEN NA DE Gij zijt het voedsel, waardoor mijn' ziele leeft,
Gij zijt die aan mijn geest den vollen wasdom geeft,
Gij zijt mijn toevlucht, kracht en allerhoogste vreugd,
Mijn troost, mijn heil en steunsel mijner deugd;
'k Wil door de liefde zuiveren mijn hert, Dat ik van allo smet gezuiverd werd.
Maak mij ootmoedig, vol eerbiedigheid. Zoo word ik schoon tot uwe komst bereid, 'k Geloof in U, verborgen Majesteit! Ik hoop op U, o bron van Heiligheid ! 'k Bemin II, o mijn lieve Bruidegom! 'k Onthaal U met eene blijde wellekoin. Blijf in mijn hart in alle eeuwigheid, o Jesus, pand van mijne zaligheid. Wanneer ik U bezit, ben ik gerust.
Want buiten U is niets dat mij behaagt of lust.
Blijf toch in mij, en ik in U , o God ! Gij zijt alleen mijn uitverkoren lot.
Mijn' ziel is reeds een hemel hier omlaag. Zoo lang ik U, mijn God, in 't zuiver harte draag.
Geef, Jesus, want dit wensch ik allermeest. Dat ik met U vereenigd in den geest, Worde opgedragen tot een offerand',
H. COMMUNIE. 167
Op 't altaar, waar het vuur van uwe liefde brandt.
Aan U, mijn God; zij altijd lof en eer, Blijf Gij in mij, en ik in U, o Heer! En druk uwe liefde mij zoodanig diep in 't hart,
Dat nooit mijn geest van U gescheiden wordt. Geef dat ik altijd heb in mijn gedachte, Uw dood en lijden : dat ik U verwachte Met vreugde, tot dat Gij, in volle heerlijkheid, Mij gunstig roept in 't rijk, reeds lang voor
mij bereid,
'Waar ik den hemel zonneklaar zal zien, Hetwelk thans slechts in 't harte kan ge-schien;
Waar al wat nu geheim is voor 't gezicht , .Zal opstaan in 't eeuwig zonnelicht.
LITANIEN
voor al de dagen der week.
\
Litanie voor den Zondag.
TOT DE ALLERHEILIGSTE DRIEVULDIGHEID,
In den naam des Vaders, en des Zoons, en des heiligen Geestes. Amen.
Antiph. Drie zijn er die getuigenis geven in den hemel : de Vader, het Woord, en de heilige Geest.
Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons. God, hemelsche Vader, ontferm U onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
Heilige Geest, waarachtige God , ontferm U onzer.
T
LITANIE TOT DE ALLERH. ENZ. 169 Heilige en ondeelbare Drievuldigheid, één God, ontferm U onzer.
Onbegrijpelijke Majesteit, Onveranderlijke macht, Oneindige wijsheid, Grondelooze goedheid, Eeuwige goedheid, God, almachtig Koning, -ö Die alléén God zijt,
Door wien wij leven, bewo- O bf gen worden en zijn, 5;
Wiens majesteit de gansche i gt; aarde vervult, a
*3 Aan wien men alleen alle eer C Q en glorie verschuldigd is, § §3 Die ons troost in allen te- g S genspoed, ^
tS Die alleen groote wonderen doet,
Die zijt, die waart en die
zult komen,
Rechtvaardig en schrikkelijk in het oordeel,
170 LITANIE TOT DE Heilige Drievuldigheid, heerlijk en wonderlijk in uwe werken, ontferm U onzer.
Heilige Drievuldigheid, ongeboren
Vader, ontferm U onzer. Heilige Drievuldigheid, eenigge-
boren Zoon, ontferm ü onzer. Heilige Geest, van beiden voortkomende , ontterm U onzer. Heilige Drievuldigheid , één God,
ontferm U onzer.
Wees verzoend, spaar ons, Heer. Wees verzoend, verhoor ons, Heer. Van alle kwaad, verlos ons, Heer. Van alle zonden.
Van alle ongetrouwheid , lt; Van het overtreden uwer ge- amp; boden, ^
Van het versmaden uwer gif- g ten, i0
Van het verzuimen der heilige ^ zaken, ^
Van den eeuwigen dood, ^ Door uwe almacht,
ik
v
ALLEEH. DRIEVULDIGHEID. 171 Door uwe wijsheid, veri. ons, Heer. Door uwe oneindige goedheid, verlos ons, Heer.
Door uw geduld en lankmoedigheid, verlos ons, Heer. Wij zondaren, wij bidden U, verhoor ons.
Dat wij U, den waarachtigen God, altijd en overal belij- ^ den mogen, ^
Dat wij U, één in drievuldig- amp; heid, en drievuldig in één- è heid , aanbidden, B
Dat Gij ons wilt vergunnen U crj van ganscher harte te be- ^ minnen, ®
Dat Gij het volk, uwen heiligen g* naam toegeheiligd, wilt be- ^ waren en zalig maken , § Dat Gij de dwalenden tot den ^ weg der gerechtigheid wilt doen wederkeeren,
Dat Gij aan alle overledenen de eeuwige rust wilt geven,
172 litanie tot de
Dat Gij ons wilt verhooren, wij
bidden U , verhoor ons. O heilige Drievuldigheid, verlos ons.
O heilige Drievuldigheid, maak
ons zalig.
O heilige Drievuldigheid. maak ods
levend.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Onze Vader , enz.
v. En leid ons niet in bekoring. r. Maar verlos ons van den kwade. Amen.
v. Laat ons verheerlijken denV ader, den Zoon, en den heiligen Geest. r. Laat ons hen loven en hoog
verheffen in eeuwigheid, v. Gezegend zijt Gij, Heer, in het
firmament des hemels. R. En lofwaardig, en heerlijk, en boven alles te verheffen in alle eeuwen.
AXLEEH. DRIEVULDIGHEID. 173 v. Gezegend zij onze God, onze God
zegene ons.
r. En hem moeten vreezen al de eindpalen des aardrijks.
Laat ous bidden.
Almachtige eeuwige God, die uwen dienaren gegeven hebt de glorie der eeuwige Drievuldigheid te kennen, en in de belijdenis van het waarachtige geloof, de eenheid te aanbidden in de macht der Majesteit : wij bidden U, dat wij, door de vastheid van ditzelfde geloof, bevrijd mogen worden van allen tegenspoed: door onzen Heer Jesus Christus, uwen Zoon, die met U, God zijnde, leeft en heerscht, in eenheid des heiligen Geestes, door alle eeuwen der eeuwen. Amen.
Ons zegene de goddelijke Majesteit en eenige Godheid : de Vader, de Zoon, en de Heilige Geest. Amen.
174 LOFZANG TOT DE
LOFZANG
van de. heiligen Ambrosius en Augustinus, tot de allerheiligste Drievuldigheid.
Te Deum Landamus.
U, o God, loven wij; U, Heer, verheerlijken wij; U, eeuwige Vader , eert de geheele aarde.
U loven alle engelen, hemelen en alle machten,
De Cherubijnen en Serafijnen roepen tot U met onvermoeide stemmen :
Heilig, heilig, heilig is de Heer, God der heerkrachten!
De hemelen en de aarde zijn voï van de majesteit uwer glorie.
U looft het heerlijke koor der Apostelen.
Benevens het lofwaardige getal der Profeten.
U looft het witblinkend heer der Martelaren.
ALLERH. DRIEVULDIGHEID. 175
De heilige Kerk over den gehee-len aardbodem verheerlijkt U.
U, Vader vol van heerlijkheid.
Uwen eerwaardigen, waarach-tigen en eenigen Zoon.
Met den heiligen Geest, den Vertrooster.
Gij, Christus, zijt de Koning der glorie.
Gij zijt desVaders eeuwige Zoon.
Toen Gij tot verlossing der men-schen de menschheid zoudt aannemen, hebt Gij het lichaam eener Maagd niet geschroomd.
Toen Gij den prikkel des doods overwonnen hadt, hebt Gij den ge-loovigen het rijk der hemelen geopend.
Gij zit aan de rechterhand Gods, in de glorie des Vaders.
Wij gelooven, dat Gij de toekomende rechter zijt.
Daarom bidden wij U, kom uwe dienaars te hulp, die Gij door
176 LOFZANG TOT DE ALLERH. ENZ. uw dierbaar bloed verlost hebt.
Maak dat zij, benevens uwe Heiligen, met de eeuwige glorie beloond worden.
Heer! maak uw volk zalig, en zegen uw erfdeel.
Eu regeer en verhef het tot in eeuwigheid.
Ten allen dagen verheerlijken wij U.
En loven wij uwen naam, in de eeuwigheid der eeuwigheden.
VerwaardigU, Heer, ons heden voor zonden te bewaren.
Ontferm U onzer, o Heer, ontferm U onzer.
Laat uwe barmhartigheid over ons komen, gelijk wij op U gehoopt hebben.
Op U, Heer, heb ik gehoopt: ik zal in eeuwigheid niet beschaamd worden.
â«J-o
jOOQCOOOlXXXXODOCCOJCOOOOOOOOQOOC
Litanie voor den Maandag.
VAN DEN HEILIGEN GEEST.
Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus , hoor ons.
Christus , verhoor ons.
Hemelsche Vader, waarachtige
God, ontferm U onzer. God Zoon, Verlosser der wereld, H. Geest, waarachtige God! H. Drievuldigheid, één God, Geest der waarheid en wijsheid, O des verstands en raads , ^ der sterkte en der weten- ^ schap, ^
^ der godvruchtigheid en der ^ vreeze Gods, g
O der liefde, der blijdschap g en des vredes , r*
der geduldigheid, goedheid
en goedertierenheid ,
12
178 LITANIE VAN DEN Geest der lankmoedigheid en der zachtmoedigheid, ontf. U onz» des geloofs en der zegeningen ,
der sterkte en zuiverheid, m der ootmoedigheid en voor-® zichtigheid,
des leyens en der zaligheid , der deugden en van verscheidene genaden, O kiezer der kinderen Gods, ^ Zuiveraar onzer zielen , g Heiligmaker en regeerder der ^ Katholieke Kerk, ^
God, doorgronder der harten § en nieren, §
Uitdeeler der hemelsche gaven, ^ Onderzoeker der gedachten des
harten,
Zekere hulp der ellendigen, Zoetigheid dergenen, die U beginnen te dienen.
Sterkte en moed van allen die in deugd toenemen,
H. GEEST. 179
Kroon der volmaakten, onlf. U onz. Geluk der Engelen,
Licht der Patriarchen , O
Inblazing der Profeten , ^
Tong en wijsheid der Apostelen, § Geestelijke wijsheid der Belij- 5 ders, ^
Zuiverheid der Maagden , § Inwendige zalving aller Heili- S gen.
Wees ons genadig, spaar ons,
o heilige Geest.
Wees ons genadig . verhoor ons,
o heilige Geest.
Van alle kwaad en zonde , verlos
ons, o heilige Geest.
Van alle kwelling en bedrog lt;1 des duivels , él
Van kwaad vermoeden en wan- § hoop, §
Van het bestrijden der beken- ⢠de waarheid, g
Van afgunst onzes naasten « deugden,
180 LITANIE VAN DEN Van verstoktheid des harten en hardnekkigheid in zonde, verlos ons, o heilige Geest. Van onachtzaamheid en traagheid in geestelijke zaken , Van onzuiverheid des li-
chaams en der ziel, Van dwaling en ketterij , Van den boozen geest, »
Van eenen ongelukkigen en § eeuwigen dood, j»
Door uwe eeuwige voortkomst o van den Vader en den Zoon , ^ Door uwe bovennatuurlijke ^ kracht in de meuschwording cfcf des Woords, ^
Door uwe nederdaling over S2 Christus , bij zijnen doop , ® Door uwe openbaring in de ' gedaante-verandering des Zaligmakers,
Door uwe heilige komst over
de Leerlingen ,
la den dag des oordeels,
H. GEEST. 181
Wij zondaars, wij bidden U, verhoor ons.
Opdat Gij ons alle zonden wilt
vergeven,
Opdat Gij U verwaardigt al de lidmaten der heilige Kerk levend en heilig te maken, ^ Opdat Gij alle volkeren der^ wereld in het waarachtige 2: geloof vergaderen wilt, ^ Opdat Gij ons altijd voorkomen, » vergezellen en volgen moogt door uwe machtige en krach-quot; tige genade over onzen wil, ® Opdat Gij U verwaardigt ons met gquot; eene ongeveinsde en vurige ^ godsvrucht, en met de gave o des gebeds te vervullen, p Opdat Gij onze gedachten woorden en werken tot U trekkende, heiligen wilt, Opdat Gij onze genegenheid zuiveren, en van alle kwade wenschen bevrijden wilt.
182 LITANIE VAN DEN Opdat Gij in ons een zuiver hart en eenen nieuwen geest wilt scheppen, wij bidden U, verhoor ons.
Opdat Gij in ons de deugden van zuiverheid, ootmoed, geduld, goedertierenheid en ^ versmading der wereld ver- ^ sterkt, g
Opdat Gij onze zielen eene waar-achtige genegenheiden lielde p tot God en onze naasten, als ook barmhartigheid en ver- ^ giffenis voor onze vijanden ® gelievet te geven, %
Opdat Gij U verwaardigt onze ^ handelingen en ondernemin- o gen met licht, raad en goeden cc uitslag te bekroonen,
Opdat Gij ons allen tegenspoed uit liefde tot U kloekmoedig laat verdragen,
Opdat Gij in onze ziel eenen standvastigen en onverzade-
H. GEEST. 183
lijken ijver tot de christelijke volmaaktheid ontsteekt, wij bidden U, verhoor ons.
Opdat Gij U verwaardigt ons ^ inwendigen vrede en gerust- ^ heid des gemoeds te verleenen, ^ Opdat Gij ons in uwe genade tot g-het einde onzes levens wilt amp; bewaren, 5quot;
Opdat Gij ons onder het getal ^ der uitverkoornen wilt ont- S-vangen, o
Opdat Gij U verwaardigt ons te 2 verhooren, m
Geest Gods,
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, stort in ons uwen heiligen Geest, Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, zend ons den beloofden Geest des Vaders, Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, geef ons den goeden Geest.
184 litanie van den v. Heer I verhoor mijn gebed. e. En laat mijn geroep tot U komen.
Gebed.
Groote God, aan wien de harten geopend en de wil en de gedachten bekend zijn : zuiver die door de instorting des heiligen Geestes, opdat wij waardig worden U volmaakt te beminnen en in eeuwigheid te dienen. Amen.
LOFZANG TOT DEN HEILIGEN GEEST, Veni, Creator Spiritus.
Kom, Schepper, kom o heilige Geest, Bezoek ons hart, van 't minst tot 't meest. Kom en vervul met 's hemels kracht, Onz' zielen door U voortgebracht.
Gij zijt de Trooster hoog geroemd, En wordt de gave Gods genoemd, De levensbron, de liefdegloed,
De zalving van het braaf gemoed.
Gij zijt des Vaders rechterhand. De vinger en 't beloofde pand.
Dat hart en tong zeer rijk begaaft,
En met uw zeven gaven laaft.
Geef dat uw licht ons ziel bestraal,
H. GEEST. 185
En uwe liefde in 't harte daal,
En daar zoo zoet en krachtig werkt, Dat al wat zwak is wordt versterkt.
Verdrijf den vijand van ons af,
Verleen ons vrede in plaats van straf, Geleid ons langs de rechte baan.
Opdat wij alle kwaad ontgaan.
Maak dat ons door U kenbaar zij. De Vader en de Zoon daarbij,
En dat wij U, hun beider Geest,
Belijden, dienen, onbevreesd.
Lof zij U, Vader, eere groot;
Lof Zoon , verrezen van den dood ,
Lof aan U, die Trooster zijt;
Van nu af tot in eeuwigheid ! Amen.
Litanie voor den Dinsdag.
Van den Zoeten Naam Jesus.
Antiphone. In den naam Jesus moeten alle knieën gebogen worden der-genen, die in den hemel, op de aarde en onder de aarde zijn.
Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
186 LITANIE VAN DEN Jesus, hoor ons.
Jesus, verhoor ons. God, hemelsche Vader, ontferm
U onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld, God, heilige Geest,
Heilige D rie vuldigheid, één God, Jesus, Zoon van den levenden God,
Jesus, glans des Vaders, O Jesus, luister van het eeuwige ö;
licht, ^
Jesus, koning der glorie, ® Jesus, zon der gerechtigheid, ^ Jesus, Zoon van de Maagd Maria, § Beminnelijke Jesus, ®
Wonderlijke Jesus, ^
Jesus, sterke God,
Jesus, vader van het toekomstig leven,
Jesus, verkondiger van Gods
raadsbesluiten,
Allermachtigste Jesus, Allerverduldigste Jesus,
ZOETEN NAAM JESUS. 187 Allergehoorzaamste Jesus, ontferm U onzer.
Jesus, zachtmoedig ea ootmoedig van harte,
beminnaar der zuiverheid, onze beminnaar,
God des vredes,
bron des levens.
voorbeeld van alle deug- O
ij veraar voor de zielen, | onze God, B
onze toevlucht, O
vader der armen, g schat der geloovigen, g goede herder , ^
waarachtig licht,
eeuwige wijsheid, oneindige goedheid,
onze weg en ons leven, vreugd der Engelen, koning der Aartsvaders, meester der Apostelen, leeraar der Evangelisten,
Jesus Jesus Jesus Jesus Jesus den Jesus Jesus Jesus Jesus Jesus Jesus Jesus Jesus Jesus Jesus Jesus Jesus Jesus Jesus
188 LITANIE VAN DEN Jesus, sterkte der Martelaren, ontferm U onzer.
Jesus, licht der Belijders, ontferm
U onzer.
Jesus , zuiverheid der Maagden ,
ontferm U onzer.
Jesus, kroon van alle Heiligen,
ontferm U onzer.
Wees genadig, spaar ons, Jesus. Wees genadig, verhoor ons, Jesus. Van alle kwaad, verlos ons, Jesus. Van alle zonden.
Van uwen toorn.
Van de lagen des duivels, ^ Van den geest der onkuischheid, §-Van den eeuwigen dood, S Van het verwaarloozen uwer § ingevingen, ?
Door het geheim uwer heilige ^ menschwording, ®
Door uwe geboorte, F
Door uwe kindschheid,
Door uw allergoddelijkst leven, Door uwen arbeid,
ZOETER NAAM JESUS. 189
Door uwen doodstrijd en uw lijden, verlos ons, Jesus.
Door uw kruis en uwe veria-
tenheid, ^
Door uwe smarten, w
Door uwen dood en uwe be- g grafenis, â¢
Door uwe verrijzenis, ch
Door uwe hemelvaart, |
Door uwe vreugden, p
Door uwe glorie,
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons, Jesus. Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, verhoor ons, Jesus. Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer. Jesus, hoor ons.
Jesus, verhoor ons.
Laat ons bidden.
ó Heere Jesus, die gezegd hebt: vraagt en gij zult verkrijgen, zoekt en gij zult vinden, klopt en u zal
190 LOFZANG OP DEN geopend worden : stort, wij bidden er U om, uwe allergoddelijkste liefde in ons gemoed, opdat wij U steeds, van ganscher harte, met woord en daad beminnen en nooit ophouden U te loven.
Geef, o Heer, dat wij altijd uwen heiligen Naam vreezen en beminnen ; want Gij verlaat dengene niet, dien Gij bevestigt in uwe liefde.
LOFZANG OP DEN ZOETEN NAAM JESDS.
Die den naam des Heeren aanroept, zal zalig wezen.
Rom. io , 13.
Jesus, die ons hebt gegeven,
Den zoeten troost van 't eeuwig leven, Jesus , uwe zoete naam ,
Is een ieder aangenaam.
Uw naam komt ons bewegen, Om daartoe te zijn genegen.
Olie, suiker, honigraat.
Die uw naam te boven gaat.
Alle droefheid, smart en pijnen,
Moeten voor uw naam verdwijnen , Als men slechts op hem vertrouwt y Heeft het niemand ooit berouwd. Zoo men altijd heeft bevonden,
ZOETEN NAAM JESUS. 191 Als men afkeer heeft van zonden.
Jesus , o uw naam verblijdt Ons in alle zwarigheid.
In de ziekten en in kwalen,
Kan men er gezondheid halen,
Als men slechts in Jesus leeft,
Die de vreugd des harten geeft, En uw naam zal ons versterken , Zoo men vast'lijk moet bemerken ; Iemand die u niet gelooft,
Is van deze hoop beroofd.
Al de duivelsche gedachten,
Moeten voor uw naam versmachten, Als men slechts uw hulpe vraagt. Heeft men daar nooit van geklaagd: Ja, schoon men ook was gekomen. En met wanhoop ingenomen,
Als men uw naam slechts vereert. Zal men weldra zijn bekeerd .
Alle nauwgezette harten,
Die vervuld zijn vol van smarten)
En God nochtans dienen wèl,
Doch beschroomd zijn voor de hel; Jesus naam zal hen verschoonen,
Als zij zich gehoorzaam toon en;
Al hun hartzeer smart en pijn, Zal weldra genezen zijn Hoop, verzin , wil alles denken :
Niets kan toch hier iemand krenken ,
192 LITANIE VAN DE
Die op Jesus naam vertrouwt, En nimmermeer daarin verflauwt. Jesus naam zal zich ontfermen, Jesus naam zal ons beschermen, Jesus naam, die altijd leeft En het eeuwig leven geeft, Jesus, zoete naam, verheven.
Laat ons heel tot hem begeven; Druk hem diep in ons gemoed, Want men vindt er alle goed, Dat wij daar in mogen sterven, Om den hemel te verwerven ;
Jesus , o uw zoete naam ,
Maakt tot alles ons bekwaam, v. De naam des Heeren zij geprezen. r. Van nu af tot altijd na dezen.
Litanie voor den Woensdag.
VAN DE HEILIGE ENGELEN.
Heer, ontferm U onzer. Christus ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Jesus , hoor ons.
Jesus, verhoor ons.
Hemelsche Vader, waarachtig God, ontferm U onzer.
H. ENGELEN. 193
God Zoon, Verlosser dierwereld,
ontferm U onzer.
God , heilige Geest, ontferm U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Maria , Koningin der Engelen , bid voor ons.
Heilige Michaël,
Heilige Gabriël,
Heilige Raphael, cc
Heilige Serafijnen, ^
Heilige Chernbijuen, ^
Heilige Troonen, ®
Heilige Heerschappijen, o Heilige Deugden, c»
Heilige Machten,
Heilige Vorstendommen,
Heilige Aartsengelen,
Heilige Engelen,
H. Engelen , die den hoogverheven troon des grooten Gods omringt, Heilige Engelen, die voor God gedurig zingt: heilig, heilig , hei-
194 litanie van de
lig , God der heerkrachten, bidt voor ods.
Heilige Engelen, die onze duisternis vernietigt en onzen geest verlicht, bidt voor ons.
Die ons de goddelijke dingen
verkondigt,
Die van God tot bewaarders der raenschen gesteld zijt, Die altijd het aanschijn des ^ hemelschen Vaders aan- 5 a schouwt, S;
^ Die u over de bekeering der lt;! ^ zondaren verblijdt, |
3 Die den rechtvaardigen Loth o go van de zondaren geschei- p
den hebt,
X Die de ladder van Jacob open afgeklommen zijt,
Die de wet Gods op den berg Sinaï aan Mozes gegeven hebt,
Die aan de gansche wereld bij de geboorte van Chris-
H. ENGELEN. 19*
tus, de blijdschap verkondigd hebt, bidt voor ons.
Heilige Engelen, die Christus in de wildernis, na zijne veertig-daagsche vaste, gediend hebt, bidt voor ons.
üie Lazarus in den schoot van Abraham gedragen hebt, Die n in een wit kleed aan ~ het graf des Zaligmakers ® ^ vertoond hebt. S:
^ Die na de verrijzenis van lt; ^ Christus, met zijne Leer- | §3 ligen gesproken hebt,
rB Die Jesus in den dag des oor- S E deels vergezellen zult. Die de boozen van de rechtvaardigen scheiden zult, Die onze gebeden aan God
opoffert,
Die de menschen in hun
uiterste versterkt,
Die de gezuiverden uit het vagevuur trekt,
196 LITANIE VAN DE Heilige Engelen, die door Gods macht wonderen doet,bidtv.ons. Die in de rijken en staten voorzit,
^ Die de heerkrachten in het g gevecht verwoest, öd
13 Die Gods vrienden uit de o' gevangenis en andere ge- lt; H varen verlost hebt, o
gr, Die de Martelaren in hunne 0 3 pijnen vertroost hebt, ^ âºS Die de Prelaten en Vorsten ' met eene bijzondere zorg beschermt,
Alle orden en hooge staten der
Engelen,
Van alle ongeluk en gevaar, verlos
ons, Heer.
Van alle ougeloovigheid en ketterij, verlos ons, Heer. Van eenen haastigen en ongeluk-
kigen dood, verlos ons, Heer. Van de eeuwige verdoemenis, verlos ons, Heer.
H. ENGELEN. 197
Lam Gods, dat wegneem t de zonden
der wereld, spaar ons, Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, verhoor ons. Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer, v. Heer! verhoor mijn gebed. r. En laat mijn geroep tot ü komen.
GEBED.
Heer, die door eene wonderlijke schikking de verscheidene ambten der Engelen en der menschen verdeelt: verleen ons genadig, dat degenen die U in den hemel altijd loven en dienst bewijzen, ons in dit leven beschermen mogen. Am.
«Efrâlt;=
LITANIE VAN DEN HEILIGEN ENGEL-BEWAARDER.
Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
198 LITANIE VAN DEN Cliristiis, hoor ons.
Christus, verhoor ons. God, hemelsche Vader, ontf. U onz. God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
God, heilige Geest, ontferm ü ouzer. Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm ü onzer.
Heilige Maria, Koningin der Engelen, bid voor ons.
mijn heinaarder,
mijn vorst,
mijn vermaner,
^ mijn raadsman, ^
% mijn voogd, g
^ mijn bezorger, lt;
, mijn vertrooster, i
mijn beminnaar,
^ mijn broeder, g
K mijn leermeester,
mijn herder,
mijn getuige,
mijn helper,
mijn bewaker.
H. ENGEL-BEWAARDER. 199 Heilige Engel, mijn voorspreker,
bid voor ons.
Heilige Engel, mijn bestuurder,
bid voor ons.
Heilige Engel, mijn beschermer,
bid voor ons.
Heilige Engel, mijn leidsman, bid
voor ons.
Heilige Engel, mijn verlichter, bid
voor ons.
Wees genadig, spaar ons. Heer. Wees genadig, verhoor ons. Heer. Van alle kwaad en zonde, verlos
ons. Heer.
Van den geest der onkuischheid, lt; Van alle zondige bekoring, :l Van alle gevaren en ongelukken, ^ Van alle listen des duivels, g Van onweder, pest, hongers-J72 nood en oorlog, ^
Van eenen schielijken en on- g voorzienen dood, ^
Van de eeuwige verdoemenis. Wij zondaars, wij bidd.U, verh.ons.
200 LITANIE VAN DEN Door uwe heilige Engelen, onze bewaarders, wij bidd.U, verh.ons. Dat wij onder hunne bescherming van de paden der ongerechtigheid altijd mogen verwijderd worden,
Dat wij den weg der deugd stand- ^ vastig mogen inslaan en be-wandelen, ^
Dat wij in alle gevaren naar ziel è en lichaam den bijstand on- § zer heilige Engelen mogen ct ondervinden,
Dat wij in al onze wegen door on- ® zen Engel-bewaarder geleid en bestuurd mogen worden, ^ Dat wij in het uur onzes doods, o door onzen heiligen Engel- p bewaarder versterkt en bijgestaan mogen worden. Dat onze zielen, in ons afstervende, door onze heilige En-gel-bewaarders opgenomen, en voor uw goddelijk aan-
H. ENGEL-BEWAAEDER. 201 schijn gebracht mogen worden, wij bidden U, verhoor ons. Dat wij in den hemel den godde-lijken zang : heilig, heilig, heilig! onophoudelijk met alle Engelen mogen zingen, wij bidden U, verhoor ons.
Jesns, Koning der Engelen, wij
bidden U, verhoor ons. Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, spaar ons. Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, verhoor ons, Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U onzer.
ANTIPHOON.
Heilige Engel, mijn bewaarder! bescherm mij in den strijd, opdat ik in het verschrikkelijk oordeel niet verloren ga.
v. Bid voor mij, mijn heilige Engel-bewaarder.
r. Opdat ik deelachtig mag worden aan de beloften van Christus.
202 LITANIE VAN DEN Gebed.
Almachtige, eeuwige God, die door het genadig besluit uwer onuitsprekelijke goedheid, aan alle meDSchen, van het begin huns levens af, eenen bijzonderen Engel tot bewaarder van ziel en lichaam gegeven hebt: verleen dat ik dien heiligen Engel, aan wiens bijzondere zorg uwe barmhartigheid mij bevolen heeft, zoodanig overal en altoos mag eeren en beminnen, dat ik door de gunst van uwe genade en door het schild zijner bescherming beschnt zijnde, het aanschijn uwer heerlijkheid in het he-melsch Vaderland, met hem en al de andere gelukzalige geesten, eeuwig moge aanschouwen : door onzen Heer Jesus Christus, die leeft en heerscht, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
H. ENGEL-BEWAARDER. 203 GEBED.
Tot den H. Engel-hewaarder.
O getrouwe Leidsman, die mij van God, van het oogenblik mijner geboorte af, als beschermer en bewaarder toegevoegd zijt : welke dankbaarheid ben ik U niet verschuldigd vooral de zorg, trouw en liefde, die Gij mij dagelijks bewijst; Als ik slaap, bewaakt gij mij; als ik bedroefd ben, vertroost gij mij; als ik kleinmoedig beu, versterkt gij mij; als ik in gevaar beu, helpt gij mij; als ik verlegen en twijfelachtig ben, raadt gij mij: gij weerhoudt mij van het kwaad; gij brengt mij tot het goede; gij wekt mij op tot boetvaardigheid; gij verzoent mij met mijnen Heer en God. Ik lag misschien reeds lang in den afgrond der hel gedompeld, indien gij, door uwe tusschenspraak, de gramschap des oppersten Rechters
204 EIJMGEBED TOT DEN van mij niet hadt afgekeerd. Ik bid u, wil mij nimmer verlaten.
Troost mij in tegenspoed, bescherm mij in gevaar, help mij in bekoringen, opdat ik door dezelve nimmer overwonnen worde. Breng al mijne gebeden en goede werken voor het goddelijk aanschijn, enmaak dat ik na dit vergankelijke leven het eeuwige mag bezitten. Amen.
RIJMtiEBED TOT DEi\ II. ESflEL-BKWAARDER.
Om door zijnen bijstand aan de vijf Wonden van Christus en aan de droefheid van Maria, gedurende ons leven gedachtig, en bij ons afsterven deelachtig te mogen wezen.
Zoete Engel, eêd'le wachte,
Die bij dage en bij nachte,
Overal mijn' ziel bevrijdt.
Tegen 's duivels list en strijd :
Als de bleeke dood zal naken,
Zult gij mijne ziel bewaken;
Als mijn bange geest, vol schrik, Geven zal den laatsten snik;
Aan dat uur is 't al gelegen,
Op het einde van mijn leven.
H. ENGEL-BEWAARDER, 205
Als het tot een sclieideu gaat, En Gods oordeel voor mij staat: Kom dan, Engel, mij bevrijden; Wil kloekmoedig voor mij strijden, Doe mij wel indachtig zijn,
Jesus wonden en zijn pijn.
Waar wij onze hoop op gronden.
Zijn' vijf openstaande wonden :
Het is Jesus dierbaar bloed.
Dat mij zalig maken moet.
En Maria, vol genaden.
Hoop ik, dat niet zal versmaden,
Mijne zuchten voor mijn' dood : Neen, zij troost ons in den nood Als ik dan den dood zie naken,
En den pijl zie vaardig maken.
Wil ik, eer dat hij mij wond', Mij bereiden tot dien stond.
Eer ik in den Heer ontslape.
Wil ik dan twee houten rapen ;
O twee houten, o dat kruis,
Is de schroom van 't helsch gespuis ! Zalig kruis , zoo rijk bepereld,
Groote standaard van de wereld. Waarop Christus is geplant.
Die vijf wonden openspant;
Zaiig kruis, door deez' vijf wouden. Waarop wij onzquot; hope gronden.
Altijd toevlucht in den nood 1
206 ETJMGEBED TOT DEN
Maar bijzonder in den dood.
Als de adem , als het leven,
iVIij op 't einde gaat begeven,
Als zij, die dan bij mij staan. Zeggen : 't is met hem gedaan; Dan zal ik met vast vertrouwen,
Jesus aan het kruis aanschouwen, Ik zal met den moordenaar.
Nemen tijd en wonden waar.
'k Zal hem drukken aan mijn' harte, Tot verlichting van mijn' smarte;
Zijn' vijf wonden zijn alleen.
Troost in droefheid en aeween. Ach ! wat troost zal mij dat geven, Op het einde van mijn leven
Als het kruis zul voor mij staan, En Maria's Zoon daaraan.
Jesus, zoo doorwond, doorsteken, Uit wiens wonden balsems leken; Die ons zondaars hebt bemind.
Meer dan moeder ooit haar kind. Zoete Jesus ! vriend der vrinden !
Welk een vlam ging U verslinden. Toen Gij stierft den bitt'ren dood : Ach, uwe liefde is te groot!
Zulk een dood, voor zulke menschen, Ach, wie had dat durven wenschen! 's Vaders Woord en eenig' Zoon, Treedt en daalt van zijnen troon,
H. ENGEL-BEWAAKDEE. 207
En neemt aan der wereld zonden, En betaalt die met zijn wonden, En omhelst de wreedste pijn,
Opdat ik zou zalig zijn.
Zalig, hoop ik, zal ik wezen.
Door uw' wonden uitgelezen,
Door uw smarten, door uw bloed : Geef mij Jesus, 't eeuwig goed. Wil de vijand mij bekoren.
Zegt hij dat ik ben verloren;
Ik zal roepen , dreigt hij mij :
Jesus, Jesus , sta mij bij!
Jesus, in uw open armen ,
Vindt een ieder steeds erbarmen;
Jesus, mijn Samaritaan ,
't Is nu tijd mij bij te staan.
Als mijn leden dan gaan beven,
Als de krachten mij begeven,
Als mijn lippen worden paars,
Als ik houden zal de kaars,
Laaf mij dan met de siropen,
Die uit uwe wonden loopen,
Geef mij in dat bange uur.
Van die dierbre confituur.
O Maria 1 wil gewaarden ,
Laat mij uwer zeven zwaarden.
Uwer bange zielepijn ,
In mijn dood deelachtig zijn, 't Paradijs dat is gevonden,
208 eijmgrebed tot den
Door uw droefheid, door zijn wonden, En ik geef heel onbevreesd,
In zijn wonden mijnen geest.
GEBED.
Leer mij, Engel, dit vereeren. Overdenken, mediteereu ,
E n uit aller zielekracht, Wel doorgronden dag en nacht.
Laat mij nu uw leerkind wezen ,
Leer mij ook dit kransje lezen,
Opdat ik, met hart en mond,
Groete zijn vijfvoudige wond. Ach! dat uit mijn mond ontsprongen Duizend Cherubijnsche tongen ; Ach! dat in mijn' ziele kwam Eene Serafijnsche vlam!
Dat de bladen van de boomen ,
Dat het riet langs al de stroomen , Dat het groen ontelbaar gras,
Ieder een trompetter was;
Opdat zij met hunne slagen.
Heel de wereld mochten dagen;
Dat ze uw wonden, dat ze uw bloed, Vielen eiken dag te voet.
Wonden waren dan geen wonden, Zouden bleven dan geen zonden ;
Want dat ware troost in pijn, En wij zouden zalig zijn.
H. ENGEL-BEWAARDER. 209 Gebed tot den H. Engel-Bewaarder.
Mijn lieve en goedertierene Engel, bewaarder van mijn lichaam en van mijne ziel, door God ten allen tijde tot mijne bescherming gesteld, en bijzonder in het uur des doods : uit misnoegen over mijne vroegere ondankbaarheden, kom ik u een vast onherroepelijk voornemenvan mijnen dienst opofferen, belijdende, dat gelijk gij, na Jesus en Maria, het steunsel mijner hoop zij t om wel te sterven, gij ook voortaan mijn wensch en mijne liefde zult zijn. Ik verzoek u om eene weldaad : help mij in het uur des doods; en voor al degenen, die zich vereenigen om dit te verkrijgen, neem ik nu voor, u dagelijks een gebed op te offeren. Ik bid u, verhoor mij, daar gij mij zoo zeer bemint; wil mij versterken in dezen strijd, dewijl mijne zaligheid ervan
14
210 GEBED TOT DEN afhangt; en na dit ellendig leven, leid mij naar den hemel, dewijl gij daartoe gesteld zijt als mijn leidsman. Ameu.
Gebed.
Heilige Engel die mijn bewaarder zijt, door de schikking van de goddelijke Voorzienigheid : verlicht, bescherm en leid mij en al de vereenigden op den weg der gelukkige eeuwigheid; en tot dat einde, kom ons te hulp in het uur des doods. Amen.
Onze Vader, Wees qeqroet, en het Geloof, enz.
Belijderiis van. den HL Carolis Borromeus,
tot den H. Eng el-hew aar der, om eenen zaligen dood te verkrijgen.
In den naam der allerheiligste Drievuldigheid belijd ik, in uwe
H. ENGEL-BEWAARDER. 211 tegenwoordigheid, o heilige Engel Gods, van in de heilige, katholieke, apostolische en roomsche Kerk te willen sterven, in weike alle Heiligen gestorven zijn, die tot nu geweest zijn, en buiten welke geene zaligheid te vinden is; verleen mij deze meening en dit gevoelen in het laatste uur des doods, en allen die met mij in uwe gemeenschap ver-eenigd zijn.
Ik belijd nog, o mijn lieve Engel , dat ik onder uwe bewaring en bescherming, met een groot vertrouwen op uwe hulp van deze wereld scheiden wil, met eene volle en vaste hoop op de barmhartigheid van mijnen God. Versla dan de vijanden mijner zaligheid op dat oogenblik; ontvang mijne ziel bij het scheiden uit het lichaam ; maak dat Jesus mij na mijnen dood genadig zij.
Ik belijd insgelijks, mijn geluk-
212 GEBED TOT DEN kige Engel, dat ik uit het binnenste mijns harten verzoek deelachtig; te mogen wezen aan bet dierbare bloed mijns Zaligmakers; dat ik verzaak aan al mijne vroegere zonden, zoo door gedachten, woorden als door werken; ik vergeef aan al mijne vijanden; ik wil sterven met het kruis op mijn hart, om te too-nen dat ik al mijne hoop stel op de verdiensten van hem, die het met zijn bloed geverwd heeft.
Ik belijd ook, o allergetrouwste Vriend, die mij in het laatste uur niet zult verlaten, dat ik, om de begeerte die ik heb van naar den hemel te gaan, bereid ben alles te lijden wat aan de goddelijke rechtvaardigheid believen zal; ik ben bereid alles te verlaten, mij ne ouders, vrienden, en mijn lichaam tot aas der wormen, om eens te verrijzen. Zie hier, ik ben bereid om meer zwarigheid te lijden, yele moeie-
H. ENGEL-BEWAARDEE. 213 lijke ziekten Jadepijiun desvage-vuurs , tot voldoening voor mijne schromelijke zonden.
Ten laatste belijd ik , o mijn allerheiligste en goedertierenste Leidsman! dat ik u volle macht geef over den uitersten wil mijner ziel. Zeg in dat oogenblik aan Jesus, hetgeen ik misschien niet zal kunnen zeggen : dat ik al mijne zonden verzaak, omdat ze hem mishagen; dat ik ze versmoor in zijn liefderijk hart; dat ik hoop op zijne barmhartigheid ; dat ik ga steryen, omdat hij het zoo begeert; dat ik mijne arme ziel, en die met mij vereenigd zijn, in zijne handen beveel; dat ik hem meer dan alle schepseleö bemin; en dat ik hem in alle eeuwigheid wil bi-minnen. Amen.
â¢Hcâlt;^5âc*â
Litanie voor den Donderdag.
Van het heilig Sacrament.
Antiph. O heilige Maaltijd, in welke Christus qenuttirjd, de gedachtenis van zijn lijden qchouden, de ziel met zeqeninqen vervuld, en ons het pand der toekomende zaligheid gegeven icordt.
Heer, ontiViïii U onzer. Christus, oüUVnn ü onzer.
Heer, oa!ferm U onzer.
Chrislus, boor ons.
Christus, verhoor ons. God, liemelsche Vader, ontferm U onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
God, heilige Geest, ontf. U onzer. Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Woord dat vleesch is geworden, ontferm U onzer.
LIT. VAN HET H. SACRAMENT, 215 Brood der engelen, ontferm U onz. Levend brood,
Spijs der ziel,
Voedsel des geestes,
Verzadiging der armen , Waarachtig paaschlam, Onbloedige offerande,
Onbevlekte offerande, C
Verzoenende offerande, E
Zaligmakend slachtoffer, 5 O verb ei lig offer, -
Geheim des vredes, C
Gedachtenis van Jesus Christus § lijden, g
Verzoening der geheele wereld, quot; Rantsoen onzer zaligheid. Onderpand der toekomende glorie,
Bevestiging der eeuwige liefde, O n b eg! â ij p el ij k e v e r b o r gen heid, Schat der goddelijke weldaden. Overvloed der goddelijke genade.
Bron van geestelijke vreugde,
216 LITANIE VAN HET Gedachtenis van de wonderbare werken Gods, ontferm U onzer. Geneesmiddel der ellendige
menschen,
Hemelsch hulpmiddel tegen de zouden ,
Hulp der stervende menschen, O Hoop en troost der strijdende g;
zielen, g
Sterke bijstand in den nood, ^ Verborgen schat, O
Allergrootst wonder, 5
Allerheiligst Sacrament, 5 Allerzoetste maaltijd bij welken ~
de Engelen dienen.
Zuiver lichaam vau Christus, Waarachtig God en Mensch, Heer! wees ons genadig, hoor ons, Heer.
Heer! wees ons genadig, verhoor
ons, Heer.
Van het onwaardig nuttigen uws lichaams en bloeds, verlos ons, Heer.
H. SACRAMENT. 217 Van de begeerlijkheid des vlee-
scbes, verlos ons, Heer. Van debegeerlijkheidderoogen, lt; Van de hoovaardij des levens, V an den geest der onzuiverheid, S Van alle gevaren der zonden, 2 Van den eeuwigen dood, p Door de onmetelijke liefde, met ^ welke Gij dit heiüg Sacra- ^ ment hebt ingesteld . ~
Door uw allerheiligste vleesch, hetwelk Gij ons totspijze geeft, Door uw dierbaar bloed, dat Gij ons tot drank schenkt, Wij zondaren, wij bidden U, verhoor ons.
Dat het ü believe, het geloof en de godsvrucht tot het heilig Sacrament in ons te vermeerderen, wij bidden U, verhoor ons. Dat (jij ons van alle ketterij en verblindheid des harten wilt verlossen en bewaren, wij bidden U, verhoor ons.
218 LITANIE VAN HET Dat Gij onze begeerten tot hemel-sche dingen wilt verheffen, wij bidden U, verhoor ons. Dat Gij ons mild deelachtig ^ wilt maken aan alle gees te- â: lijke vruchten van dit heiii- ^ ge Sacrament, e-
Dat Gij ons in het uur des doods ~ met deze hemelsche spijze p wilt versterken en bevrijden, ^ Dat Gij aan de zielen van onze ^ broeders, vrienden, weldoe- 5 ners, en van alle geloovigen, ~ de eeuwige rust wilt geven, E Zoon Gods, â¢
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, spaar ons. Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, verh. ons. Heer. Lam Gods, dat wegneemi de zenden
der wereld, ontferm ü onzer. Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
H. SACRAMENT. 219
v. Heer! verhoor mijn gebed. e. Ed laatmijn geroep tol Ukoraen.
Gebed.
0 God . die ons onder dit wonderlijke Sacrameist de gedachtenis van uw bitter lijden hebt nagpiaten: laat ons. bidden wij U, de heilige geheimen van uw lichaara en bloed zoo eeren. dat wij geilurig de vruchten uwer veiiossing iu ons mogen gevoelen. Die leeft en heersent, met den Vader en den heiligen (ieest, in alle ten wen der eeuwen. Amen.
Groetenis tot het H. Sacrament.
Wees duizendmaal gegroet, mijii' liefde en
mijn leven ,
Mijn Heer, mijn God, mijn Al, voor wien
de duivels beven;
W ees duizendmaal geloofd ,o groote Majesteit, Waarvoor het liemelsch hof staat vol eerbiedigheid ;
Wees vuriglijk bemind , o zoete offeranden, Waarvoor, vol liefdegloed, de Serafijnen branden ;
220 GROETENIS TOT HET
O Jesus ! wees gegroer, van mij uw arm kind.
O liefde van mijn hart, o hart dat mij zoo mint:
Gedoog dat Gij van mij zult worden aangebeden ;
Ai ben ik flauw en krank , en vol onwaardigheden ,
Nochtans zoo hoop ik vast op uw' barmhartigheid ,
Dat mijne liefde niet zal worden afgezeid.
O Jesus , o mijn God 1 o bronwel van genaden 1
Mijn harte is voor U, wil het toch niei versmaden :
Maar wees verheerlijkt , o groote Majesteit,
O heilig Sacrament, tot in de eeuwigheid !
Laatste groetenis.
Vaarwel, mijn zoete Lief, mijn Jesus, mijn Beminde;
Ik ga met groot verlangen , om U haast weer te vinden ;
Vaarwel, mijn Bruidegom! dewijl het nu zoo zij,
Ontvang den zoeten lof der engelen voor mij,
Die U op dit altaar aanbidden en begroeten ,
En vol eerbiedigheid hier liggen voor uw voeten.
H. SACRAMENT. 221
Weest duizendmaal geloofd ! Deez' geesten vol van vier ,
Laat ik hier in mijn1 plaats, terwijl ik ga van hier.
Wat zeg ik Jesus zoet! zou ik zoo van U scheiden,
Zou ik dan ver van U verlaten moeten lijden?
O neen, o Majesteit! ik ga maar voor den schijn:
Mijn liefde, ziel en hart zal altijd bij IJ zijn;
Ik laat mijn hart alhier, mijn liefde daar beneven,
Om aan uw Majesteit gedurig lof te geven.
O heilig Sacrament, o goedheid ongemeen !
Mijn troost, mijn' vreugd, mijn rust zijt Uij, o God alleen ;
Blijf in mijne ziel in alle eeuwigheid.
O Jesus , pand van zaligheid!
Wanneer ik U bezit ben ik gerust;
Want buiten U is niets dat aan mijn harte lust.
(ielml van deu II. Thomas van Aquinen, tot het allerh. Sacrament.
Vertaald naar het Latijn, Adoro te.
'k Aanbid op 't nederigst, U , o Godheid! hier verholen ,
Die onder deez' gedaante U waailijk hebt verscholen.
222 ciEOETENis tot het
Mijn hart, U toegewijd, buigt, valt voor U ter neer ;
Want als het U beschouwt, bezwijkt het gansch, o Heer !
Gezicht, gevoel, noch smaak, noch reuk kan
U hier merken ,
Maar door 't gehoor alleen geloovend moet men werken.
'k geloof al wat Gods Zoon , de waarheid zelf verklaart,
Wijl niets dit waarheids-woord in waarheid evenaart.
Op 't kruishout wilde alleen uw' Godheid
zich bedekken ,
En hier wil God- en menscheid zaam zich
aan ons oog onttrekken :
Maar echter, ik geloof, 'k belijd ze er bêi te gaar,
En ik bid, hetgeen toen bad de goede moordenaar.
Al zie 'k de wonden niet als Thomas, van uw lijden ,
Gij zijt nochtans mijn God ; ik belijd het te allen tijden.
Geef dat ik meer en meer in U geloove en hoop,
En dat ik U beminne in al mijn levensloop. O groot gedenkpand van des Zaligmakers sterven !
H. SACRAMENT. 223
O levend brood, dat ons het leven doet verwerven !
Vergun dat mijne ziel van U steeds leve , en smaak
In uwe zoetheid vinde, en altijd naar U haak.
Algoede Pelikaan! Heer Jesus ! wil mij was-schen,
Mij, die onzuiver ben, toch zuivren in de plassen
Uws bloeds, waarvan één drup genoeg is, en kan volstaan,
Om heel de wereld van de zoridenschuld te ontslaan.
O Jesus! dien ik nu, in deez verborgenheden
Bedekt aanschouw; ik bid, (verhoor toch mijne beden )
Geef dat (waarnaar ik dorst) ik, ziende uw' Majesteit,
Gelukkig zij door 't zien van uwe heerlijkheid.
Geloofd en gezegend zij het allerheiligste Sacrament.
GEBED TOT HET
Aandachtig Gebed tot het heilig Hart van Jesus.
0 waardig pand! o gelukkige schat! alleraangenaamst deei van het onsterfelijke lichaam mijns Zaligmakers! o allerheiligsie Hart van Jesus, allerzoetste opwekking mijner godsvrucht! ik aanbid uuit den diepsten grond en de geheele kracht mijner ziel; ik verhef u in al mijne woorden, werken en gedachten, en geef u al de eer van hemel en aarde. Geef mij het geluk u te kennen en te beminnen met zulke liefde, als alle Heiligen en Engelen hebben gedaan, en als Jesus zelf u heeft bemind. Ik beklaag dat ik zoo vele uren, dagen en jaren van mijn leven heb doorgebracht zonder u te beminnen; maar nu voortaan wil ik u geheel toebe-hooren, en mijn hart zal niet meer het mijne, maar het uwe zijn;
224
H. HART VAN JESUS. 225 daarom verzaak ik van nu af, al hetgeen U in het allerminst zou kunnen mishagen. Gelief in mij uwe woonplaats te nemen, en de beschermer mijner zaligheid, de geneesheer mijner krankheid en gebreken te wezen. O vurig Hart! o Hart van liefde! ik steuu opu; al mijn vertrouwen is op u; druk u zelve zoo diep in mij, dat ik u nooit moge vergeten en nimmer van u door eenige lichamelijke beletsels afgescheiden worde. Maar dewijl Gij, o Jesus,doorwond zijtgeworden , niet alleen voor mij, maar ook voor alle zondaars en lijdende zielen in het vagevuur, gelief ook uw Hart voor hen te openen, uwe liefde aan hen te betoonen, hen te verlichten en te vertroosten , opdat zij niet beroofd mogen zijn van dezen kostelijken schat en de verdiensten van het dierbaar bloed, hetwelk Gij uit de heilige
15
226 LITANIE VAN HET wonde van uw Hart hebt gestort, en U alzoo met mij in eeuwigheid mogen verheerlijken. Dit is hetgeen ik verzoek, o bloedig Hart! en dezen mijnen wensch vernieuw ik op alle oogenblikken van mijn leven, en wil daarin tot het uur mijns doods volharden. Amen.
Litanie voor den Vrijdag.
Van het Lijden van Christus.
Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U ouzer.
Heer, ontferm U onzer.
Jesus, hoor ons.
Jesus, verhoor ons.
Hemelsche Vader, waarachtige
God, ontferm U onzer.
Zoon Gods, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
Heilige Geest, waarachtige God, ontferm U onzer.
LIJDEN VAN CHRISTUS. 227 Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer,.
Jesus, mensch geworden tot
onze verlossing,
Jesus, die altijd gedurende uw leven gewenscht hebt voor ons te sterven,
Jesus, die door Judas verkocht
en verraden zijt,
Jesus, die in den Olijfhof voor O ons in uw gebed ter aarde ^ nedergevallen zijt, g
Jesus, die in uwe benauwd- ^ heid bloed gezweet hebt, ^ Jesus, die door uwe vijanden g gebonden en gevangen zijt, g Jesus, die door uwe Leerlingen ^
verlaten zijt,
Jesus, die voor den rechterstoel van Annas en Caïphas gebracht zijt,
Jesus, die eenen kaakslag op uwe gezegende wang hebt ontvangen,
228 LITANIE VAN HET Jesus, die door valsehe getuigen beschuldigd zijt, ontferm U onzer. Jesus, die geblinddoekt zijnde, in het aangezicht met vuisten geslagen en bespogen zijt geworden,
Jesus, die door Petrus driemaal
verloochend zijt,
Jesus, die als een boosdoener
gebonden naar Pilatus geleid O
|
Jesus, dienaar Herodes gebracht | en van hem als een dwaas quot; teruggezonden zijt, cl
Jesus,dienaastBarrabasgesteld g en ter dood geëischt zijt, g Jesus, die voor onze zonden r5 onmenschelijkgegeeseld, geslagen eu doorkerfd zijt,
Jesus, die met doornen gekroond zijt,
Jesus, die uit spot met purper
gekleed zijt,
Jesus, die met een riet op uwe
LIJDEN VAN CHRISTUS. 229 doornen kroon geslagen zijt, ontferm U onzer.
Jesus, die voor het volkgebracht
en ter dood geëischt zijt,
Jesns, die verwezen zijt om den dood des kruises te sterven, Jesus, die met uw kruis beladen naar de plaats des gerechts O gebracht zijt,
Jesus, die op den Calvarieberg | van uwe kieederen ontbloot quot; zijt, a
Jesus, die aan het kruis geca- g geld en verheven zijt, n Jesus, geheel doorwond voor r8
onze boosheden,
Jesus, die uwen Vader voor uwe
vijanden gebeden hebt,
Jesus, die met vloeken gelasterd
eu bespot zijt,
Jesus, die den goeden moordenaar uw rijk beloofd hebt, Jesus, die Joannes aan uwe Moeder tot zoon gegeven hebt,
230 LITANIE VAN HET Jesus, die uwe verlatenheid beklaagd hebt, ontferm U onzer. Jesus, die met gal en edik gelaafd zijt,
Jesus, die gezegd hebt dat de voorzeggingen uws lijdens volbracht zijn,
Jesus, die uwen geest in de O handen uws Vaders bevolen ö; hebt, g
Jesus, die uit gehoorzaamheid, e met nedergebogen hoofd ge- ^ storven zijt, §
Jesus, wiens gezegende zijde ® met eene lans doorstoken is, ^ Jesus, die van het kruis gedaan en in een nieuw graf begraven zijt,
Jesus, rechter der menschen, die hun de vruchten, die zij uit uwen dood en lijden getrokken hebben, afvragen zult, Wees genadig, vergeef ons, Heer. Wees genadig, verhoor ons, Heer.
LIJDEN VAN CHRISTUS,. 231 Van alle kwaad en zonden, verlos
ons, Heer.
Van de eeuwige verdoemenis, ^ Door de pijnen uws lichaams ® en de droefheid uwer ziel, o-Door uwen dorst, uwe tranen o en naaktheid, ^
Door uw dierbaar bloed, uw ~
kruis en bitteren dood, ® Ia den algemeenen dag des oor- % deels.
Wij zondaars, wij bidden U, verhoor ons.
Opdat Gij onze zonden om onze ^ oprechte boetvaardigheid ^ vergeven wilt,
Opdat Gij uwe Kerk bescher- g-men en vermeerderen wilt, p Opdat Gij ons de navolging cl uwer ootmoedigheid en liefde % wilt verleenen, ^
Opdat Gij ons van alle kwade ^ gedachten, aanvechtingen g des duivels en eenen onge- ^
232 LITANIE VAN HET
lukkigen dood wilt bevrijden , wij bidden U, verhoor ons.
Opdat wij ons aaa de wereld en ons zeiven versterven, wij bidden U, verhoor ons.
Opdat wij waarachtige beminnaars uws kruises mogen worden, wij bidden U, verhoor ons.
Opdat wij in het goede mogen volharden, en de hemelsche kroon verdienen mogen, wij bidden U, verhoor ons.
Opdat Gij U verwaardigt ons te verhooren, wijbidd.U, verh.ons.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld , spaar ons Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, verh. ons Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
v. Heer! verhoor mijn gebed.
R. En laat mijn geroep tot U komen.
LIJDEN VAN CHRISTUS. 233 Gebed.
Heer Jesus, die van den schoot iiws Vaders, uit den hemel op de aarde gekomen zijt, en voorde verzoening onzer zonden en boosheden uw dierbaar bloed vergoten hebt: wij bidden U ootmoedig, dat wij in den dag des oordeels onder het getal der gelukzaligen mogen wezen, en uit uwen mond deze woorden hooren ; komt, gezegenden mijns Vaders. Amen.
Afsmeeking van den Zegen.
Minzaamste Jesus, die met uitgestrekte armen ons tot uwe omhelzing roept, en met gebogen hoofd ons den kus aanbiedt: zie, ik nader tot U, en zoek deze aangebodene genade; maar ik zal niet loslaten, tenzij Gij mij gezegend hebt, gelijk Gij gezegend hebt uwe dienstmaagd de H. Hedwigis, U aan het kruis
234 LOFZANG TER EERE VAN HET aanbiddende, die Gij met uwe rechterband, de spijker uitgetrokken zijnde, hebt gezegend. Amen.
LOFZANG
ter eere en tot gedachtenis van het bittere Lijden oazes Heeren Jesus Christus.
Des konings standaard komt ten troon, Het kruis dat blinkt nu heider schoon, Waar 't leven aan geleden heeft,
Dat door zijn bloed ons 't leven geeft. Die door de lans voor ons gewond, Maakt door zijn' wonden ons gezond; Om ons te ontslaan van onze boet. Vloeide zijn water en zijn bloed. Nu is vervuld, wat Jesse's zoon Ons voorzong met een blijden toon :
Door 't hout zal God het heidendom Beheerschen als zijn vorstendom.
O boom 1 versierd heel kostelijk,
Door 't koningspurper zijt gij rijk; Want 't is aan u, dat wordt verleend, Zoo na te raken 't êelst gebeent'. Gelukkig, o gij waardig hout.
Waaraan een prijs, veel meer dan goud. Het heel rantsoen van ons geslacht Aan hiug! O weegschaal, groot geacht;
LIJDEN VAN CHRISTUS. 235 O kruis ! onz' hoop , wij groeten nu In dezen tijd des levens u;
Vermeerder in uw' dienaars vrêe ,
Verleen gena de zondaars mêe.
O heilige Drievuldigheid 1 O Jesus , onze zaligheid 1 Die ons uw kruis nu stelt ten toon ;
Maak ons deelachtig aan het loon,
En wil de zielen in de pijn ,
Ook door uw kruis genadig zijn.
Geef door uw kruis en dierbaar bloed , Aan hun het eeuwig hemelsch goed. Am. v. Dit teeken des kruises zal zijn in den hemel.
r. Als de Heer zal komen om teoordeelen.
GEBED.
O God, die den standaard des levendmakeuden kruises met het bloed van uwen eenigen Zoon hebt willen heiligen : vergun dat zij die in de eere dezes kruises zich verblijden, ook door uwe bescherming overal verblijd mogen wezen; door denzelfden Heer Jesus Christus, uwen Zoon, die met U leeft en heerscht, inde eenheid van
236 LITANIE VAN DE God den heiligen Geest, in de eeuwigheid der eeuwigheden.
Bescnerm, oHeere, met den eeuwigen vrede, ons, die Gij U verwaar digd hebt te verlossen door het tee-ken des heiligen kruises ; door Christus, onzen Heer. Amen.
Litanie voor den Zaterdag.
VAI PE llIMil MM® MABIA*
Heer, ontferm ü onzer. Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons. God, hemelsche Vader, ontf. U onz. God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer,
God, heilige Geest, ontferm ü onzer. Heilige Drievuldigheid, één God ,
ontferm U onzer.
Heilige Maria, bid voor ons.
HEILIGE MAAGD MARIA. 237 Heilige Moeder Gods,bid voor ons. Heilige Maagd der Maagden, Moeder van Christus,
Moeder der goddelijke genade. Allerreinste Moeder, Allerzuiverste Moeder, Ongeschondene Moeder, Onbevlekte Moeder,
Zeer minzame Moeder, Bewonderenswaardige Moeder, Moeder des Scheppers,
Moeder des Zaligmakers, S Allervoorzichtigste Maagd, ^ Eerwaardige Maagd, ©
Lofwaardige Maagd, ^
Machtige Maagd, g
Goedertierene Maagd,
Getrouwe Maagd,
Spiegel der rechtvaardigheid. Zetel der wijsheid.
Oorzaak ouzer blijdschap. Geestelijk vat,
Verheven vat.
Eerwaardig vat.
238 LITANIE VAN DE Uitmimtend vat van godsvrucht,
bid voor ons.
Geheimzinnige roos,
Toren van David,
Ivoren toren.
Huis van goud.
Ark des verbonds.
Deur des hemels,
Morgenster,
Behoudenis der kranken, W Toevlucht der zondaren, ^ Troost der bedrukten, ^
Hulp der Christenen , §
Koningin der Engelen, g
Koningin der Patriarchen, « Koningin der Profeten,
Koningin der Apostelen,
Koningin der Martelaren, Koningin der Belijders,
Koningin der Maagden,
Koningin van alle Heiligen, Koningin zonder vlek ontvangen, Koningin van den H. Rozenkrans, Lam Gods, dat wegneemt de zon-
HEILIGE MAAGD MARIA. 239 den der wereld, spaar ons. Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, verhoor ons, Heer. Lam Gods,datwesrneemtde zonden
der wereld, ontferm U onzer. Christus, hoor ons.
Christus, yerhoor ons.
Heer, ontferm U ouzer.
Christus, ontferm U ouzer.
Heer, ontferm U onzer.
Ome Vader. Wees gegroet, enz.
Laat ons bidden.
O God van onuitsprekelijke genade, dieü niet alleen verwaardigd hebt een mensch , maar ook een Zoon des meuschen te worden , en eene vrouw tot uwe Moeder verkoren hebt op de aarde, die God tot uwen Vaderhadt in den hemel: wij bidden U, vergun ons dat wij hare gedachtenis eerbiedig mogen vieren , haar als uwe Moeder eeren, en aan hare uitmuntende waardigheid ootmoedig onderdanig zijn;
240 GEBED TOT DE die U van den heiligen Geest ontvangen heeft, die U als Maagd gehaard heeft, en aan wie Gij op de 1 aarde zelve onderdanig waart. Door onzen Heer Jesns Christus, die met denzelfden Vader en den heiligen 1 Geest leeft en heerscht, God in alle eeuwigheid. Amen.
Gebed tot de H. Maagd Maria.
«
O gelukkige Maria en allerlof-waardigste Maagd, Moeder Gods ! o verhevene Vrouw, van wie de . Schepper van hemel en aarde ge- ⢠boren isl o Maria, wie kan u waardig, en gelijk het behoort, danken en loven, die met uwe toestemming , aan de verlorene wereld zij t te hulp ⢠-gekomen. Ontvang dan mijne ootmoedige dankzeggingzonder even- i redigheid aan uwe verdiensten; en als gij onze gebeden zult ontvangen , hebben, verontschuldig, door uw voorbidden , onze schulden : laat
H. MAAGD MAEIA. 241 3 t- onze gebeden ter uwer kennis ko- . ^e- men, en verkrij g ons de genade van ⢠de ! verzoening.Verontschuldigonsvan oor de straffen die wij vreezen, daar wij net geen bekwamer verdiensten von-r^n 1 den^omdegramschapvandenRech-in ter voor ons te verzoenen, dan u, die verdiend hebt de Moeder van den Verlosser en Rechter te wezen.
Kom dan de ellendigen te hulp, help de kleinmoedigen, vertroost de s I bedrukten, bid voor uw volk; wees . de voorspraak der geestelijken en e_ * religieuzen; bid voor het vrome r- vrouwengeslacht, opdat allen uwe
111 verlichting en voorspraak gevoe-
Ã? len, die godvruchtig uwen naam
P vieren; heb medelijden met de
- bedrukte en go dvruchtige genegen-
â ^ heid der pelgrims van den hemel; i en daar gij u zelve verblijd ziet,
i ( zoo bidden wij u, laat onze tranen voor Gods oogen komen, en bid t Hem voor ons, die uw eigen Zoon is.
i R
242 G-EBEDEN TOT DE
GEBED
van den heiligen Vader Chrysostomus t tot de heilige Maagd Maria.
Voor de voeten van uwe heiligheid, o allerzoetste Maagd Maria, met hart en lichaam mij neder-werpende, bid ik u ootmoedig, dat gij mij leert bidden en vragen datgene, wat gij gaarne hoort, en uw Zoon verhoort. Ik gevoel mij onwaardig alle genade en barmhartigheid. Ik ben niet waardig van u, o allerzaligste en van uwen gezegend en Zoon verhoord te worden. Wil echter daarom niemand verstooten, die zich wenscht te beteren; want gij zijt gewend uwe hand van genade aan de zuchtenden uit te reiken. Wil uw aanschijn van mij, arme zondaar, niet afkeeren, maar aanzie mij genadig metdeoogenuwer barmhartigheid.
Wil mij, o Moeder vol van genade.
H. MAAGD MARIA. 243 de genade van uwen Zoon niet weigeren, noch mij uitsluiten van uwe goedertierenheid. Wil niet toelaten, o gelukkige zee-ster, dat ik van den weg der waarheid afwijke, maar verlos mij uit de duisternissen der zonden, door het licht uwer besturing. Wil mij, o Koningin des roems, om de hoogheid uwer glorie niet vergeten, maar wees mijner krankheid indachtig, en help mij om de grootheid uwer eer.
De wereld, het vleesch en de 1 duivel leggen listen en lagen om ' mij te vangen; het uur des doods, 5 en het vonnis van den Rechter â maken mij beschroomd ; ik heb i vele zonden, en geene verdien- â sten : maar gij zijt eene sterke 1 hulp in verdriet en kwelling; trek mij van de wereld ai', kastijd en bedwing het vleesch, verdrijf den vijand, en bevestig in mij het goede voornemen.
244 GEBEDEN TOT DE
Ge waardig u genadig tegenwoordig te wezen in het uur des doods : verkeer het vreeselijk vonnis des Rechters in zachtmoedigheid, en breng mij tot het zalig aanzien Gods, en tot het rijk des roems. Amen.
GEBED
van den heiligen Bernardus, tot de -| heilige Maagd Maria.
quot; Wees gegroet, o Koningin van 1 barmhartigheid, Meesteres der we-1 reld, Koningin der hemelen, Maagd I der maagden, Heilige der Heiligen, ' licht der blinden, roem der recht-1 vaardigen, vergiiï'enisder zondaren, | troost der wanhopenden, sterkte der bezwijkenden, zaligheid der wereld, spiegel der volmaaktheid! Maak de genade, welke gij bij God gevonden hebt, kenbaar aan de wereld; verkrijg voor de schuldigen vergiffenis, genezing voor de zie-
H. MAAGD MARIA. 245 ' ken, voor de kleinmoedigen sterkte, voor de bedrukten vertroosting, voor die in gevaar zijn, huip en r bijstand. Laat ons door u tot uwen = Zoon naderen, o gezegende Moeder, die de genade gevonden hebt, en die de Moeder van het Leven en van de zaligheid zijt. opdat Hij ons door u ontvange, die door u aan ons gegeven is. Dat uwe heiligheid 1 bij Hem onze schuld verontschul-dige , en uwe ootmoedigheid ver-l giffenis verkrijge van onze ijdel-heid. Dat uwe overvloedige liefde ' de menigte onzer zonden bedekke, en dat uwe vruchtbaarheid ons [ eene vruchtbaarheid van verdien-â sten aanbrenge. i O Meesteres, Middelares eu onze j Voorspreekster! beveel ons aan uwen Zoon; en door de bannhar-1 tigheid van hem, die deelachtig geweest is aan onze ziekte en . ellende, dat Hij ons door uwe voor-
246 GEBEDEN TOT DE spraak deelachtig make aan zijne eer en zaligheid: Jesus Christus, uw Zoon, onzen Heer, die boven alles gezegend is, in alle eeuwen. Amen.
GEBED
in den nood tot de allerh. Maagd Maria, Koningin van den H. Rozenkrans.
O allerheiligsteMaagdenMoeder Gods Maria! ikN. allergrootste en 1 onwaardigste zond aar, neem mijne J toevlucht tot u, en met een kinder-1 lijk vertrouwen buig ik mijne zon-1 dige knieën voor uw heilig beeld.
1 Met een droevig hart en bedrukt gemoed, zuchtende, kermende, wee-nende en biddende, dat gij, o ver-hevenste, nochtans ootmoedigste Vrouw en medelijdendste Moeder, mij ellendigste en onwaardigste, op dit uur in mijne allergrootste benauwdheid wilt verhooren, en dat gij voor mij eene allerkrachtigste verzoenster bij God den Vader wilt
H. MAAGD MAEIA. 247 zijn, van wien gij de allerliefste dochter zijt; en eene gewenschte voorspreekster bij God den Zoon , dien niets weigert, want gij zijt zijne waardigste Moeder; en eene bij stand verwerfster bij G od den heiligen Geest, want gij zijt zijne waardigste bruid.
Dat gij, o Verhevenste, uit het hoogste des hemels, met een medelijdend oog niet mijne zonden wilt aanschouwen, maar mijne benauwdheid; niet mijne verdiende straffen , maar mijne zwakheid; niet mijne onwaardigheid, maar mijne uiterste bedruktheid. Datgij mij door uwe sterke hulp wilt behouden, die anders moet verloren gaan; dat gij mij wilt ondersteunen, die anders moet vallen; dat gij mij wilt troosten, die van ieder verlaten zijnde, anders zoude wanhopen.
Ach, allerliefste Moeder! in deze benauwdheid, tot wie zal ik komer
EH
â J-l
248 GEBEDEN TOT DE
dan tot u, gelijk een kind tot zijne
moeder, als de vader vergramd is.
Tot ii, die de oorzaak onzer blijdschap, het behoud der kranken, de toevlucht der zondaren, de troosteres der bedrukten, de hoop der kleinmoedigen, en de bijstand der Christenen zijt, tot u allerheiligste Maagd! zeg ik, gij kimt mij helpen, gij wilt mij helpen , ja gij moet ⢠mij helpen, door uwe machtige ^ voorspraak bij uwen lieven Zoon. i Gij kunt mij helpen, want gij zijt { de machtigste naast God; en een lt; zucht uit uw maagdelijk hart voort-1 komende voor den zondaar, heeft l meer waarde dan de gebeden van ] alle Heiligen.
Gij wilt mij helpen; want gij zijt vol liefde voor de menschen en bijzonder voor de zondaren.
Gij moet mij helpen door uwe heilige gebeden; want dit is u altijd bevolen.
H. MAAGD MARIA. 249
Gij moet mij helpen, want Moeder zijnde van uwen lieven Zoon, welke naar de menschheid onze Broeder is, zoo zijt ook gij mijne Moeder.
Gij moet mij helpen; want gij hebt meer anderen, aan mij in zonden gelijk, geholpen.
Gij hebt voor godlasterende zondaars, op het laatst van hnn leven, berouw en leedwezen verkregen.
Gij hebt moordenaars tot bekeering, ja, tot heiligheid gebracht.
G ij hebt voor openbare zondaressen een zuiver leven verkregen.
Gij hebt aan de klauwen des duivels verlost, die, welke zich aan hem hadden overgegeven.
Gij hebt voor de wanhopenden vergiffenis, en een vaste hoop van zaligheid verkregen.
Er is niets, o machiige Vorstin van hemel en aarde, aan u onmogelijk.
Waarom zoudt gij mij, verwor-
'250 GEBEDEN TOT DE ^ peling, dan ook niet helpen? ik ben ] van dienzelfden God geschapen, verlost door hetzelfde dierbaar ! bloed ; gij zijt zoowel voor mij 1 als voor anderen tot eene voor-1 spraak en moeder gesteld. Uwe ^ liefde en nwe barmhartigheid is 1 dezelfde, uw ijver om iemand te helpen is niet verminderd. Waarom i zoudtgij mij dan ook niet bijstaan ? 1 Gij verstoot geen zondaars, die 1 n met berouw aanroepen; maar iedereen, klein en groot, rijk en arm, rechtvaardigen en zondaars, mogen uwen bijstand verzoeken. Nooit is het te laat, want Gij zijt altijd gereed; altijd staan uwe armen open om zondaars te ontvangen. Alzoo, oKoningin, allerreinste Maagd ! mijn vertrouwen op u stellende, bid ik u ootmoedig om troost, hulp , bijstand, bewaring en verlossing, bijzonder van 1 deze mijne ellende. N. N.
H. MAAGD MARIA. 251 '3
Ach, allergenadigste Maagd! keer !-
uw vriendelij k aanschij n niet af van k.
deze mijne onwaardige gebeden , 3?
maar verhoor ze, bid ik u, hoe- 1
wel ik het niet verdien. Laat mij 1
niet opstaan zonder verhoord te 3 'djn, noch van u weggaan zonder
troost. Dat n daartoe mogen bewe- -gen alle blijdschappen, die uw
maagdelijk hart gevoelde bij de 3
boodschap des engels, bij de be- u zoeking uwer nicht Elisabeth, de geboorte, opdracht en vinding van
Jesus in den tempel. Heb toch me- ï
delijden met mijne tegenwoordige r
droefheid, om al die onuitspreke- -
lijke weeën, tranen en verlaten- i
heden, die uwe teedere en lijdende [
ziel gesmaakt heeft bij het bittere j lijden van uwen lieven Zoon Jesus Christus, eeuwig verheerlijkt.
Verheug mijn nedergebukt en J'
geperst hart, door mij te verhooren: ) om uwe onuitsprekelijke vreugde,
252 GEBEDEN TOT DE om alle goddelijke vertroostingen , om alle genade aan u van den hemel ingestort. Om al den roem, waarmede n de allerheiligste Drie-vnldigheid heeft vereerd, bij de roemwaardige verrijzenis, wonderbare hemelvaart en troostvolle afdaling des heiligen Geestes; bij uwe opneming ten hemel met ziel en lichaam , en verhevenste krooning. Ik bid en smeek tot u. o Maria! ik verzoek van harte geholpen te worden, door uwe krachtige voorspraak. Ik verzoek u dit, door al hetgeen uw teeder gemoed kan of mag bewegen; door al de liefde van Jesus tot u, en van u tot Hem, ik verzoek u dit, door de gebeden aller Heiligen, door al den lof der Engelen, door al den dienst, die u van de menschen wordt aangedaan, die ooit tot uwe eer geschied is, of geschieden zal; ik verzoek en bid u dit, met een
H. MAAGD MARIA. 253 woord, door al hetgeen u aangenaam is te hooren.
Wil mij, mismoedige, troosten, en van uwen lieven Zoon verkrijgen, dat ik geholpen worde in alles wat mij dienstig en nuttig is. O Maria! ik houd niet op met bidden, tot gij mij helpt. Allerheiligste, allerwaardigste, allerverhevenste, allerootmoedigste, allermedelij-dendste, allerliefste Moeder! verhoor mij. Ik loof, ik groet, ik prijs ii,door den mond van allen dien prijzen kunnen. Ik wensch u, om God, alle grootmaking, alle verheffing en alle eerbewijzing. Dat alle redelijke schepsels u kennen, bemiunen en dienen, als de waarachtige, eenige en liefste Moeder van God den Allerhoogste. Ik verheug mij over al uwe, zoo geestelijke als lichamelijke gaven. En het is mij vanharte leed, dat iemand deutoe-komende waardigheid verkleine.
254 GEBEDEN TOT DE
Daarom, allerliefste Moeder! gij die geen gebed, geen smeeken onverhoord laat, ik groet u duizendmaal , u alle goed en alle glorie toewenscliende, die nochtans alles bezit, en ik verzoek minzaam van u verhoord te worden.
Waarom vertoeft gij zoo lang, allertoegenegenste Vorstin V Houden u mij ne zonden terug ? o, zij zij n mij van harte leed, ik veracht en verzaak ze uit al mijn verstand en wil Heb ik u te voren te traag gediend ? zie ik neem mij voor u al de dagen te dienen, en alles te
doen tot uwen lof.
Aanzie dan mijn zuchtend nart, de goede genegenheid, die ik tot u heb. O Moeder der genade! zoude uw teeder moederhart dulden, dat ik, ellendige, ongetroost bleet: dat mij ne ziel verloren ging, die aan Jesus. uwen lieven Zoon, zooveel bloed gekost heeft? O neen, lieve
i
1
â
H. MAAGD MARIA. 255 Moeder! gij hebt meer liefde tot de menschen, dan de menschen kunnen begrijpen.
Welaan dan, allerbarmliartigste Moeder! tot u zacht ik : ontferm u over mij, allerellendigste zondaar; dit wensch ik en ik zal blij-I ven wenschen, zoo menigmaal ik mijnen adem haal, alle uren en oogenblikken, bij dagen en nachten; zoo dikwijls ik dit gebed kan lezen, in mijn hart overdenken, of tot u kan zuchten, o Maria! i Allermachtigste en mildste Koniu-|gin! aangezien niemand van u te veel kan vragen, om al het bovenstaande; zoo verkrijg mij door uw voorbidden een levendig geloof, zeene standvastige hoop en eene ' volmaakte liefde tot God en tot u, en tot alle menschen, om God.
Geef mij tranen van liefde en berouw, om voortaan mijne en eens anders zonden te beweenen, en de
256 GEBEDEN TOT DE toekomende te mij den. Verkrijg mij een volmaakt christelijk leyen, geiijk het onbevlekte leven van uwen lieven Zoon en van u; verkrijg mij hnlp, genade, bewaring en bescherming in alle voorvallen naar ziel en lichaam : verkrijg mij de deugd van volharding in het goede, tot het einde mijns levens.
Verkrijg mij een gelukzalig sterven in uwe beschermende tegenwoordigheid , en alsd au bid ik u, zoo mijne verdiensten tekort komen, dezelve met de uwe aantevnllen. Wil mijne onwetende en vreemde zonden , gebrekkige biechten en communiën bij uwen Zoon verontschul-, digen; wil de helsche vijanden afweren, opdat mijne arme ziel, uit mijn sterfelijk lichaam scheidende, inde handen komevanHemdie haar heeft geschapen, en mag rusten in vrede, om u, o allerzoetste en minzaamste Moeder, altijd te
t
H. MAAGD MARIA. 257 ; tan schouwen met uwen liefsten J 3oon, van aanschijn tot aanschijn , i n de gelukkige eeuwigheid. Am.
Gebed tot de heilige Maagd Maria, Koningin van hemel en aarde.
O Moeder, reine Maagd! ik kom tot u vluchten,
De oogen rood geschreid , het hart vervuld van zuchten;
! lk val ter aarde neer voor uwe majesteit, , Daar 'k weet dat gij de troost van alle zondaars zijt.
Maria, zoete Maagd, en Moeder der genaden !
Verstoot mij niet van u om mijne euveldaden ;
De zonden zonder tal, die ik reeds heb begaan, benemen mij den moed om tot uw Zoon te gaan.
Ik ben, o Moeder Gods, en 't wordt van mij beleden,
i De grootste zondaar, die d'aarde ooit heeft | betreden;
^ lk ben niet waard het zonnelicht te aanzien ,
Het eeuwig helsche vuur is 't geen wat ik verdien;
17
258 GEBEDEN TOT DE
Want mijn ondankbaarheid is zonder tal
noch gronden.
Maar wie toch heeft bij u ooit ongena gevonden ?
Die ooit maar is gevlucht tot uw genadetroon,
Verzoendet gij terstond met uwen lievenZoon. 'k Vrees zijn rechtvaardigheid en aldoor-
ziende oogen;
O zoete Moeder Gods! schenk mij toch mededoogen,
Beweeg toch, bid ik u, uws Zoons barmhartigheid,
Want daaraan hangt alleen mijn gansche zaligheid.
Indien gij voor mij spreekt, dan zal ik
blijven leven,
Maar als gij mij verstoot, ben ik van God verdreven :
Maria ! 't staat aan u, wat hebt gij voor met
mij,
Wilt gij mijn voorspraak of tegênspreek-ster zijn ?
Zult gij bij uwen Zoon voor mij gena verwerven ,
Of zult gij mijne ziel ellendig laten sterven ?
O afgrond van gena, waar zou uw' liefde zijn.
Die gij tot heden toe bewezen hebt aan mij ? Maria! zijt gij niet de Moeder van het leven,
H. MAAGD MAEIA. 259
De Moeder van dien God, die alles kan
vergeven ?
O ja! gij zijt nog steeds die medelijdende Maagd,
Aau wie een rouwig hart, een droeve ziel behaagt.
Ik hoop en stel dan vast, dat gij, door
Jesns wonden,
Zijn dood en dierbaar bloed, voor alle mijne zonden Verwerven zult gena, en mij in deze smart Betoonen wilt uw gunst en teeder moederhart.
Dat teeder moederhart, zoo tot den mensch genegen,
Dat tot barmhartigheid Gods almacht kan bewegen;
O teeder moederhart, vervuld van zoetigheid,
Geef dat ik u bemin tot in de eeuwigheid. Amen.
v. In allen tegenspoed en benauwdheid. r. Sta ons bij, o Maagd, Moeder van den Koning der koningen.
o-lt;£J£Jgt;-O
'60 GEBEDEN TOT MARIA.
Gebed.
ü heilige Maria , onze Vrouw ! :k beveel mij iu uwe gezegende getrouwheid en bijzonder toezicht en in den schoot uwer barmhartigheid, heden, alle dagen, en in het uur mijns verscheidens. Mijn lichaam, al mijne hoop en vertroosting. al mijne benauwdheden ya ellenden, mijn leven, en het 'inde mijns levens beveel ik u; op-tat door uwe allerheiligste bemid-ieiing en door uwe verdiensten, i! mijne werken mogen geschikt ni bewogen worden naar uwen en iws Zoons wil. Amen.
KORTE GETIJDEN
Tan de Zeven Weeën der Heilige Moede Grods Maria.,
TE METTEN.
De eerste v:ee. Hei zwaard van Simeon.
Wees gegroet, Maria, vul van ge nade, de Heer is met u. Gezegen zijt gij boven alle vrouwen, en ge zegend is de vrucht uws lichaam Jesus. Heilige Maria, Moeder Gods bid voor ons, zondaars, nu en iï het uur onzes doods. Amen.
v. Heer! Gij zult mijne lippei open doen.
R. En mijn mond zal uwen lo verkondigen.
v. God! geef acht op mijne hulp
n. Heer! haast U om mij t helpen.
262 GETIJDEN TOT DE
Eere zij den Vader, en denZoon, en den heiligen Geest; geil j k het was in het begin, nu, en al tij d, en in alle eeuwen der eeuwen. Amen. Allel.
Van Septuagesima tot Paschen zegt men hij alle Getijden, in plaats van Alleluja: Lof zij U, Heer, Koning der eevwige glorie.
LOFZANG.
O Maria, waarde Vrouwe!
Ach, wat smart eu droeve rouwe Moest gij voelen in uw harte,
Toen gij Jesus in den tempel,
Hebt gebracht tot een exempel,
- Die daar opgeofferd werd;
Als toen Simeon ging spreken:
] 't Zwaard der smart zal eens doorsteken Heel uw hart. Ach, droevig woord! Dacht u niet de ziel te ontzinken, ^ En in tranen te verdrinken,
Die nooit zoo iets had gehoord ?
Laat deez' droeve bittre tranen Ons ten afstand nu vermanen:
Van de zonde die ons pijnt;
Laat onze ziel toch niet bezwijken,
- Maar met deugd en liefde prijken, Als zij voor Gods troon verschijnt.
H. MAAGD MARIA. 263 Antiph, Bij wien zal ik U vergelijken, of wien zal ik aao u gelijk maken, gij Dochter van Jeruzalem? Bij wien zal ik u vergelijken, om te troosten, gij Maagd, Dochter van Sion; want uwe verplettering is zoo groot als de zee. Thren. 2.13.
v. Uwe ziel zal een zwaard doorsteken.
e. Opdat de gedachten van vele harten openbaar worden. Luc. 2,35.
Gebed.
Allerzoetste Jesus! die Udoorde handen van uwe gezegende Moeder Maria, aan uwen hemelschen Vader hebt laten opofferen, toen de oude Simeon voorzegd heeft, dat hare ziel een zwaard zoude doorsteken : ik bid ü, o Jesus, dat Gij mijn hart tot een aangenaam offer j uws Vaders wilt bereiden, en mij, door deze smart van uwe gezegende Moeder, de genade wilt verleenen,
264 getijden ïüt de dat ik de moeielijkheden van dit droevige leveü geduldig moge dragen eii standvastig uverwinneu: die leeft eu heerscht, met God den Vader en den heiligen Geest, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
TE PRIMEN.
De tweede Wee. De vlucht naar Egypte.
Wees gegroet, Maria, vol van genade , enz. pag. 261.
v. God! geef acht op mijne hulp. e. Heer! haast U om mij te helpen.
Eere zij den Vader, enz.
Lofzang.
Staat beschaamd , gij hemellieden, Want uw Schepper die moet vlieden, 'Naar het woest Egypteland;
Josef zoekt de beste paden,
Want Maria heeft geladen,
's Hemels schat en waardste pand. Nu begint het zwaard te snijden : Wat een' droefheid, druk en lijden Hebt gij in uw ziel ontvaên.
H. MAAGD MARIA. 265 ó Maria, maagd en moeder !
Heb geen zorg : d'Albehoeder Hebt gij in nw schoot gelaên.
Laat deez' vlucht ons altijd leeren, Om van 't zondenpad te keeren.
En te vluchten al het kwaad,
Dat ons kan ter helle leiden,
Opdat wij den weg bereiden.
Die recht naar den hemel gaat.
Antiph. Aanzie, Heer, hoe ik verdrukt word : mijn lichaam is geheel ontsteld, mija hart isomge-keerd in mij zelve;'want ik ben vol bitterheid; buiten moordt het zwaard, en te huis is insgelijks de dood Thren. 1, 20.
v. Heer! tot U zijn al mijne begeerten.
R. En mijne zuchten zijn voor U niet verborgen. Ps. 37. 9.
Gebed.
O allerzoetste Jesus, die U van uwe gezegende Moeder en allergetrouw-sten Voedstervader (om de vervolging van Herodes te ontkomen
266 gebeden tot de door het verlaten uws vaderlands) tot in Egypte hebt laten dragen, en aldaar U ootmoedig hebt opgehouden ; leid mij altijd in de wegen der gerechtigheid, en bewaar mij voor alle listige lagen des boozen vijands. Geef mij ook, door deze smart van uwe waarde Moeder, de genade, dat ik geduldig volgens haar voorbeeld, mijne ellenden drage en om uwentwil gaarne alles verlate; opdat ik, o Jesus, U alleen in eeuwigheid moge bezitten. Die leeft en heerscht, met God den Vader en den heiligen Geest, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
TE TERTIEN.
De derde Wee. De verliezing haars Zoons, toen hij twaalf jaren oud was.
v. God! geef acht op mijne hulp. e. Heer! haastü om mij te helpen. Wees gegroet, enz. pag. 261. Eerezij den Vader, enz.
H. MAAGD MARIA. 267
LOFZANG
Ach! wat wee, wat droevig lijden, Kwam, helaas, uw hart bestrijden, Zuivre Moeder, toen uw Kind Wel drie dagen was verloren.
Dat gij, na langdurig sporen,
Weder in den tempel vindt,
Waar hij, aan de Joodsche scharen, Bezig was om te verklaren.
Zware zaken van de wet,
Waarvan hun verwarde zinnen,
Zoo van buiten als van binnen.
Nooit iets hadden opgelet.
Laat ons uit dit wee opmaken ,
Onzen God nooit te verzaken.
Maar te planten in ons hart;
God te zoeken met verlangen, En gestadig aan te hangen,
Dat bevrijdt onz' ziel van smart.
Antiph. Weenende heeft zij de nachten doorgebracht, met tranen op hare wangen : daar is niemand die haar troost van hare vrienden. Thren. 1. 2.
v. Hij heeft mij troosteloos gemaakt.
268 GETIJDEN TOT DE
r. Den ganschen dag met droefheid overladen.
GEBED,
Eeuwige Wijsheid eo Woord des' hemelscheiiVaders,Jesus Christus, die uwe ouders en vrienden hebt verlaten, om te toonen hoe hoog Gij de leering uws Vaders acht, en om die aan de menschen te verkondigen : geel' mij eenen bijzonderen ijver om uw goddelijk woord altijd te volgen en te gehoorzamen, opdat ik van U niet verworpen worde , maar door de droefheid van uwe lieve Moeder de genade verwerve, dat ik U met oprecht berouw en ware boetvaardigheid altijd zoeke, eindelijk vinde, en mij in liefde met U verbinde, om mij in eeuwigheid met U te verblijden. Die leeft en heerscht, met God den Vader en den heiligen Geest, in alle eeu-wen der eeuwen. Amen. i
De
V
^eni C I E
Zie On He Al En Ki Ac Be Hi En W( Ch Da Do En
H. MAAGD MARIA.
TE SEXTEN.
269
)ef-
De vierde Wee. Da ontmoeting van Jesus, dragende iitt kruis.
Wees gegroet, Maria, vol van genade, enz. pag. 271.
r. God! geef acht op mijne hulp. '⢠Heer! haast U om mij te helpen. Eere zij den Vader, enz.
Lofzang.
Droeve Moeder' wil nu kJagen ; /ie, uw waarde Zoon moet dragen, Om onzentwil het schandig kruis.
Hoor hem zuchten, hoor hem stenen. Al zijn glorie schijnt verdwenen En verdrukt van 't joodsch gespuis.
Kunt gij nu nog de aard' betreden ? Ach, uw teedre zuivre leden.
Reven van verslagenheid !
Hij, die alles heeft geschapen,
En ons uit het niet kwam rapen,
W erd als dief ten dood geleid. Christen-ziel, wil hieruit leeren ,
Dat de vreugd kan wederkeeren,
Door een kruis, tot beternis;
En wat wij ook doen of maken,
ies us, ebt lij )m )n-â¢en
P
lat le, we re, en :e, iet ig-eft Ier ;u-
i
270 getijden tot de
Nooit Gods wetten te verzaken,
Die ons geeft vergiffenis.
Antiph. Heer! aanzie mijne kwellingen , want mijn vijand is opgestaan : de vijand heeft zijne handen geslagen aan al mijne klein-moedigen. Thren. 1,10.
v. Wie zal mijn hoofd water geven, en mijne oogen eene bron van tranen?
e. En ik zal dag en nacht wee-nen. Jerem. 9.
Gebed.
O geduldigste Jesus, die om onze zonden zijt gevangen, en als een misdadige van Annas tot Caïphas en van Pilatus tot Herodes zijt verzonden, bespot, gegeeseld, geslagen, met doornen gekroond, en eindelijk met het zware kruis beladen, naar den berg van Calvarië geleid: wil de zware banden mijner zonden ontbinden , om welke ik
H. MAAGD MARIA. 271 jzucht en klaag. Verleen mij, door ideze droefheid van uwe bedrukte jMoeder, dat ik hier mijn kruis en /de verdiende straf zoo drage. dat ik van de eeuwige straf mag verlost worden. Die leeft en heerscht, Giet God den Vader en den heiligen Qeest, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
TE NONEN.
De vijfde Wee. De kruisiging van Christus.
Wees gegroet, Maria, vol van genade, enz. pag. 261.
v. God! geef acht op mijne hulp. r. Heer! haast U om mij te helpen.
Eere zij den Vader, enz.
Lofzang.
Gulden zon, houd op te schijnen, Zilvren maan, laat toch verdwijnen Al uw glans en helderheid:
Nu de groote Heer der Heeren,
272 GETIJDEN TOT DE Wicn de hemelingen eeren,
Zich voor ons ten dood bereidt.
Nu is 't tijd om luid te weenen,
Om te zuchten en te stenen:
6 Maria, vol van druk !
Want de Schepper van het leven Heeft den droeven geest gegeven Aan het kruis tot ons geluk.
Wees ons, zondaars, toch gedachtig Bij uw Zoon, bij God almachtig,
Die de Vader is van al :
Dat wij, door zijn dierbaar sterven, 't Eeuwig leven eens beërven ,
Als onze ziel verschijnen zal.
Antiph. O gij alien die voorbij gaat langs den weg; bemerkt en ziet of er eenige pijn is, gelijk mijne pijn. Threu. i. 72.
n. Allen die voorbijgingen langs den weg, hebben over u de handen zamen geslagen.
r. Zij hebben gespot en hun hool'd geschud over de Dochter van Jerusalem. Tkren. 5. 15.
GEBED.
ö Lam Gods! verzoenende offer-
H. MAAGD MARIA. 273 ande voor geheel het menschelijk geslacht, Jesus Christus, die, uit deze wereld scheidende, ons aan uwe bedrukte Moeder, als kinderen hebt bevolen, en na al uw lijden uwen geest aan uwen hemel-schen Vader hebt overgegeven: ik bidU, o Jesus, uit alle krachten mijner ziel, door de onuitsprekelijke droefheid die nwe Moeder toen gevoelde, dat Gij mij in mijnen laatsten strijd sterkte wilt verleenen, om alle listen en bekoringen des vijauds te overwinnen ; opdat ik met geloof, volkomene hoop en brandende liefde uit dit leven scheide, en in uwe handen mijne ziel bevele. Die leeft en heerscht, met God den Vader, en den heiligen Geest, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
18
274 GETIJDEN TOT DE
TE VESPEREN.
Dc zesde Wee. De afneming van het kruis.
Wees gegroet Maria, vol van genade, enz. paq. 261.
v. God! geef acht op mijne hulp. r. Heer ! b aast U om mij te helpen. Eere zij den Vader, enz.
Lofzang.
Weder droefheid, lieve Moeder! Treur, uw Kind, de Albehoeder,
Ligt mishandeld op uw schoot;
Ach! hoe kan uw ziel het dragen, Dat gij voor u ziet verslagen Den Verwinnaar van den dood!
Wasch, ach! wasch zijn roode wonden, Die hij enkel om onz' zonden,
Aan het kruis heeit ondergaan; Om 't verdoolde schaap te halen,
En de schuld gansch te betalen, Die door Adam was begaan.
Laat ons tot die Moeder vluchten. Tot haar bidden , tot haar zuchten , Dat zij nooit in tegenspoed,
Christus' Kerke wil verlaten,
H. MAAGD MARIA. 275
Maar steeds wezen, te onzer baten, Als zij deed aan 't Eeuwig goed.
Antiph. En heet mij niet Noëmi (dat is schoone), maar noem mij Mara (dat is bittere); want de Almachtige heeft mij met bitterheden vervuld. Ruth. I. 70.
v. Mijn beminde is een doekje vol mirrhe.
r. In mijnen boezem zal hij rusten.
Gebed
O allerootmoedigste Jesus,wiens lichaam, van het kruis afgenomen, in de armen en den schoot van uwe bedrukteMoeder is ontvangen: ach! verleen mij, door de onuitsprekelijke droefheid, welke uwe bedrukte Moeder gevoelde, dat ik uw heilig lichaam in het heilig Sacrament des Altaars altijd met behoorlijke eer en liefde moge ontvangen, en wil mij met deze spijze der zielen in alle benauwdheden en tegen-
276 GETIJDEN TOT DE spoed (voornamelijk in het uur mijns doods) versterken, om U in alle eeuwigheid te bezitten. Dieleeft en heerscht, met God den Vader, en den heiligen Geest, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
TE COMPLETEN.
De zevende Wee. De begraving van Christus.
Wees gegroet Maria, vol van genade, enz. pag. 261.
v. Bekeer ons, God, onze Zaligmaker.
r. En keer uwe gramschap van ons af.
v. God! geef acht op mijne hulp. e. Heer! haastU om mij te helpen. Eere zij den Vader, enz.
Lofzang.
Nieuwe droefheid, nieuwe tranen, Komen in uw hart weer banen Eenen weg vol zwaar verdriet:
't Een verdriet is niet verdwenen.
h. maagd maria. 277
Of een ander is verschenen ;
Zoo men aan Gods Moeder ziet. Wil den druk een weinig staken,
En uw hart in rust vermaken,
O Maria, laat wat af!
Neen, geen troosting kan liaar laven, Als zij Jesus ziet begraven,
In het nieuw gehouwen graf.
Nu voor't laatste, o waarde Vrowwe, Door de droefheid, angst en rouwe, Die u hier schier overmant;
Geef dat wij, uwe arme slaven.
Onze zonde door deugd begraven ,
Opdat 't hart in liefde brandt.
Antiph. Daarom ben ik weenen-de, en mijne oogen tranen voortbrengende; want de trooster is verre van mij, die mijne zie] verkwikt. Thren. 1.
v. Mijne oogen zijn besproeid met tranen.
r. En mijn binnenste is heel ontsteld. Thren. 2. 11.
Gebed.
O barmhartige Jesus! wiens lichaam, door JosefvanArimathea,
278 GETIJDEN TOT DE in eeuen schoonen doek gewonden en in een nieuw graf geborgen is, zoodat uwe bedroefde Moeder, zonder U, haren eenigen troost, naar huis heeft moeten gaan : wil o Jesus, deze en alle andere smarten uwer allerheiligste Moeder gedenken, en mij verleenen, dat ik U altijd in een zuiver hart ontvangen mag; en al werd ik van alle menschen verlaten, mij alleen in U en uwe gezegende Moeder mag troosten. Wil ook, o Jesus, in mijn harteen gedenkteeken laten, gelijk uw lichaam in den doek gedaan heeft, opdat Gij nooit uitmijnhart en gedachten gesloten wordt: die leeft en heerscht, met God den Vader, en den heiligen Geest, in alle eeuwen der eeuwen. A.men.
Gebed.
O Koningin der Martelaren, die het zwaard des lijdens (gelijk de heilige Simeon in den tempel had
H. MAAGD MARIA. 279 voorzegd) iu uwe ziel met de grootste smart, doch met het gruotste geduld en liefde, bij het lijden van uwen allerheiligsten Zoon (inzonderheid hij zijn sterven aan het kruis) hebt gevoeld : ik bid u, iaat de punt van dit zwaard mijn hart doorsteken en doorwonden, opdat ik alzoo de oneindige smarten uws Zoons, en uwe allergrootste droefheid in mijne ziel mag gevoelen, om mij daarna met u te verblijden in de eeuwigheid. Amen.
De Treurzang Stabat Mater dolorosa.
Verlossers Moeder, droef te moede,
Stond bij 't kruis, waar haar bebloede
En doorwonde Zoon aan hing.
Door wier ziel, terwijl zij steende, Zuchtte, klaagde, kermde, weende,
't Zwaard van druk en smarte ging. Ach! hoe droevig, hoe vol rouwe. Was die zegenrijke Vrouwe ,
Moeder van Gods eenigen Zoon !
Zij, die met benauwden harte,
Bevend aanzag al de smarte
Van haar vrucht, bij God zoo scho
278 GETIJDEN TOT DE in eeuen schoonen doek gewonden en in een nieuw graf geborgen is, zoodat uwe bedroefde Moeder, zonder U, haren eenigen troost, naar huis heeft moeten gaan : wil o Jesus, deze en alle andere smarten uwer allerheiligste Moeder gedenken, en mij verleenen, dat ik U altijd in een zuiver hart ontvangen mag; en al werd ik van alle menscheu verlaten, mij alleen in U en uwe gezegende Moeder mag troosten. Wil ook, o Jesus, in mijn hart een gedenkteekeii laten, gelijk uw lichaam in den doek gedaan heeft, opdat Gij nooit uilmijn hart en gedachten gesloten wordt: die leeft en heerscht, met God den Vader, en den heiligen Geest, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
Gebed.
O Koningin der Martelaren, die het zwaard des lijdens (gelijk de heilige Simeon in den tempel had
H. MAAGD MARIA. 279 voorzegd) in uwe ziel met de grootste smart, doch met het grootste geduld en liefde, bij het lijdeuTan uwen allerheiligsten Zoon (inzonderheid bij zijn sterven aan het kruis) hebt gevoeld : ik bid u, laat de punt van dit zwaard mijn hart doorsteken en doorwonden, opdat ik alzoo de oneindige smarten uws Zoons, en uwe allergrootste droefheid in mijne ziel mag gevoelen, om mij daarna met u te verblijden in de eeuwigheid. Amen.
De Treurzang Stabat Mater dolorosa.
Verlossers Moeder, droef te moede,
Stond bij 't kruis, waar haar bebloede
En doorwonde Zoon aan hing.
Door wier ziel, terwijl zij steende,
Zuchtte, klaagde, kermde, weende,
't Zwaard van druk en smarte ging. Ach! hoe droevig, hoe vol rouwe, Was die zegenrijke Vrouwe,
Moeder van Gods eenigen Zoon 1 Zij, die met benauwden harte ,
Bevend aanzag al de smarte
Van haar vrucht, bij God zoo scho
280 GETIJDEN TOT DE Wie zou zich in tranen mijden , Ziende in zulk een bitter lijden, Christus waarde Moeder ; ach ! Wie toch zou zich niet bedroeven, Zoo hij haar dien weedom proeven ,
Om den Zoon; zoo angstig zag. Om zijns volks , om aller zonden. Zag zij Jesus vol van wonden,
Geeselstriemen zonder tal;
Zij zag haren Zoetgeboien Sterven, nadat hij te voren
Zijnen geest aan God beval. Ach, o Moeder, bron van liefde 1 Of gij ook mijn hart doorgriefde !
Maak dat ik ook met u klaag; Wil mijn dorre hart aanranden. Doe 't in Christus liefde branden,
Dat ik mijnen God behaag'. Heilige Moeder ! druk te zamen Al de wonden, al de stramen Des Gekruisten in mijn hart.
Laat mij zoo veel treurtooneelen, Zijne wonden met u deelen :
Voor mij leed hij al die smart. Dat ik waarlijk met u stene,
En om den Gekruisten weene ,
Zoo lang als ik leven zal; Ja , laat mij met u staan schreien , En gewilliglijk verbeien ,
H. MAAGD MARIA. 281
Onder 't kruis en overal.
Maagd der maagden uitgelezen !
Wd mij nu niet bitter wezen,
Maak dat 'k met u ween en zucht.
Laat ik in mij, al mijn dagen ,
Christus dood en wonden dragen ,
Die gedenken steeds met vrucht.
Maak dat ik in zijne wonden ,
In zijn kruisdood zij verslonden ;
Om de liefde van uw' Zoon ,
Wil mij in Gods liefde voeden ,
Reine Maagd, en mij behoeden
In het oordeel, voor Gods troon. Dat alsdan het kruis mij dekke,
Christus dood ten schild verstrekke.
En hij mij gena be wij z';
Maak, als't lichaam af zal sterven. Dat mijn ziel hierna moog erven De eeuwige vreugd van 't Paradijs.
GEBED TOT MARIA.
Bij wien zal ik u vergelijken, aan wien zal ik u gelijk maken, gij Dochter van Jeruzalem? wien zal ik bij u vergelijken, om u te troosten, gij Maagd, Dochter van Sion? want uwe verplettering is grooter dan de zee. Thren. 1. 13.
282 GETIJDEN TOT DE H. MAAGD.
Uwe ziel zal een zwaard doorsteken, opdat de gedaelitea veler harten openbaar worden. Luc. 2.
In allen druk en benauwdheid, kom ons te hulp, u allerheiligste Maagd Maria!
Gebed.
O allerheiligste Maagd Maria! ik bid u, door het bitter lijden en de overgroote droefheid, die uit uw hart als een bron kwam opwellen, toen gij met uwe moederlijke armen, het doode lichaam van uwen gezegenden Zoon omhelsdet; toen gij zijn goddelijk aangezicht zoo onteerd zaagt door de fluimen, zoo bleek van den dood, zoo blauw van de slagen: wil onsde genade verwerven, dat wij ook met een berouwvol leedwezen onze zonden, die de wonden onzer ziel zijn, mogen be-weenen, opdat wij, scheidende uit dit leven, mogen genietende vrien-
DE H. EOZENKRANS, 283 delijke en zalige omhelzingen van uwen allerzoetsten Zoon Jesns Christus, onzen Heer. Amen.
MANIER OM GODVRUCHTIG DEN ROZENKRANS
VAN DEN ALLERH. NAAM JESUS TE LEZEN,
Maak eerst het teeken des H Kruises.
Aistiph. O Rex Gloriose.
O Jesus ! roemwaardige Koning ouder uwe Heiligen, die al tijd prijsbaar zijt en nochtans onuitsprekelijk : Gij zijtin ons,Heer Jesus,en uw heilige naam is door ons aangeroepen. Verlaat ons niet, Jesus, onze God, maar gewaardig U, ons in het laatste oordeel onder uwe Heiligen en uitverkorenen te stellen; o roemwaardige en gezegende Koning Jesus!
v. Maak den Heer Jesus groot in mij.
284 de h, rozenkrans.
r. En laat ons zijnen heiligen naam verlieffen.
O Heere Jesus C hristus, Zoon van den levenden God, aan wien God, de Vader almachtig, eeneu naam gegeven heeft die bovenalle namen is, opdat in den naam Jesus alle knieën zouden gebogen worden; wij bidden U, wil ons geven eene zalige vrees, en brandende liefde tot dezen uwen heiligen Naam; opdat wij dien altijd met woorden en werken zoo eeren op aarde, dat wij door de krachtder geheimen van den heiligen Rozenkrans van den heiligen Naam Jesus, met onze medebroeders en medezusters, mogen ontvangen de volheid der blij dschap inden hemel. Die leeft en heerscht, door alle eeuwen der eeuweu, Am.
Zeg na het Geloof een Onze Vader, ter eere van. den eeuwigen Vader van Jesus; daama drie Wees gegroet; groetende Maria als Moeder van
de h. rozenkrans. 285 JeSUS Zoon van David ; als Moeder van je sus, Koning der Joden , en als Moeder van denzelfden JeSUS, Zoon van den levenden God. Dan bidt men den Rozenkrans van JeSUS, overdenkende de geheimen onzer verlossing, het leven, lijden en den roem van JeSUS , zeggende voor ieder tientje met hoofdbuiging :
v. Jesus Naam moet zijn geprezen. r Van nu af tot altijd na dezen.
Na ieder tientje moet men zeggen
Eere zij den Vader, den Zoon, enz.
Vijf blijde Geheimen.
1. Boodschap des Engels. 2. De heilige geboorte van Jesus, 3. De heilige besnijdenis van Jesus. 4. De vinding van Jesus in den tempel. 5. De heilige doop van Jesus.
Ter tere van de vijf blijde geheimen, bidt mtn vijf tientjes; bij het overdenken dezer geheimen, zegt men: JeSUS
286 DE H. ROZENKRANS. Christus, Zoon van David, ontferm TJ over ons.
Vijf droevige Geheimen.
1. het wasschen der voeten der Apostelen door Jesns. 2. Het gebed van Jesus inhethofje. S.Degevan-genneming van Jesus door de Joden. 4. De kruisdraging van Jesus. 5. Het barmhartigenederdalenvan Jesus ter helle.
Ter eere van de vijf droevige geheimen , hidt men wederom vijf tientjes , en zegt men : JeöUS van Nazareth , Koning der Joden , ontferm U onzer.
Vijf roemwaardige Geheimen.
1. De verrijzenis van Jesus. 2.De zegevierende hemelvaart van Jesus 3. De afzending des heiligen Gees-tes door Jesus. 4. De krooning van Maria door Jesus. 5. De komst van Jesus ten oordeel.
Te?' eere van de vijf roemwaardige
DE ïï. ROZENKRANS. 287 geheimen , hidf men wederom vijf tientjes, en zegt men: JeSUS Cliris-tllS , Zoon van den levenden God, ontferm U onzer.
Na iedtren Rozenkrans van vijf tie djes , of wel na den geheelen Rozenkrans van vijftien tientjes , leest of zingt men dezen Lofzang :
JESU , DULCIS MEMORIA.
Jesus, uw gedachtenis,
Die onze roem en vreugde is;
Doch uwe tegenwoordigheid ,
Is de hoogste zoetigheid.
Blijder zang bestaat er niet.
Het oor hoort geen zoeter lied,
't Hart geen grooter liefde kent.
Dan Gods Zoon in 't Sacrament.
Neen, geen tong die het kan zeggen,
Geen geschrift, dat 't uit kan leggen,
Welke zaligheid men vindt.
Als men Jesus vurig mint.
Wil mijn koud verstand ontweken,
't Hart in liefdegloed ontsteken,
Dat ik, vol van liefde en min.
Alles doe naar uwen zin.
Nu mijn troost in leed en pijn ,
Eens zult gij mijn looner zijn,
288 DE H. ROZENKRANS. Als gij, vol van Majesteit,
Heerschen zult iu eeuwigheid. Amen.
hl F
A di Ji
v. Help ons, God onze Zaligmaker.
r. En om de eere uws naams, Heer Jesus , verlos ons.
GEBED.
O God, die den roemwaardigen Naam van uwen eeniggeborenZoon ouzen Heer Jesus Christus, door eene zeer groote zoetigheid aan uwe geloovigen zeer liefelijk hebt gemaakt , en aau de booze geesten In daarentegen vervaarlijk en schrikkelijk ; verleen genadig, dat allen diedezen heiligen Naam Jesus godvruchtig vieren op aarde, nu de zoetigheid van uwen heiligen troost mogen proeven, en hier- ^ namaals de blijdschap der eeuwige zaligheid mogen verwervea;
door denzeifden Jesus Christus , 1 , onzen Heer. Amen. jV
NB. Behalve de aflaten door de Pausen vergund, verleent daoren-
de h. rozenkrans. 289 hoven Zijne Doorluchtige Hoogheid Fr, Reginaldus , Bisschop van Antwerpen , 40dagen aflaat, aan hen die aldus den heiligen Rozenkrans van Jesus zullen hidden.
Manier om den Rozenkrans GODVRUCHTIG Tfi BIDDKS.
In den naam des Vaders, en des Zoons, en des heiligen Geestes. Amen.
Ik geloof in God den Vader, almachtig, enz.
Eere zij den Vader, enz. OnzeVader, enz.
Ik groet ii. Dochter van God den Vader,wees gegroet,Maria, enz. Ik groet u, Moeder van God den Zoon, wees gegroet, Maria, enz. Ik groet u, Bruid van God den heiligen Geest, wees gegroet, enz. Eere zij den Vader, enz.
19
8
290 DE H. ROZENKRANS,
DE VIJF BLIJDE GEHEIMEN.
1. De boodschap des Engels.
De namen van Jesus en Maria moeten zijn geprezen : van nu af tot altijd na dezen. Onze Vader, enz. k
1. De heilige Drievuldigheid heeft toegestemd in demenschwording
van Christus, wees gegroet, enz. E
2. Maria is tot Moeder van Christus verkoren, ^
3. De Engel Gabriël bracht J d Maria de blijde boodschap, _ ^
4. Maria was in de eenzaamheid cg in haar gebed, ^
5. De engel zeide; wees gegroet, g 1. Maria, vol van genade, de ^
Heer is met u, ^
6. Maria was verbaasd als zij g. 2. den engel hoorde,
7. De engel zeide: Maria, wil b 3. niet vreezen, want gij zult ont- â¢
vangen door den H, Geest,
DE H. ROZENKRANS. 291
8. Maria zeide : zie de dienstmaagd des Heereii, mij geschiede naar uw woord, wees gegroet, enz.
9. Maria is van den heiligen Geest overschaduwd geworden; wees gegroet, enz.
10. En het Woord is vleesch geworden, en het heeft onder ons gewoond, wees gegroet, enz.
Eere zij den Vader, enz.
II. De bezoeking.
Denamen van Jesusen Maria moeten zijn geprezen: van nu af tot altijd na dezen. OnzeVader, enz.
1. Maria ging uit ootmoedigheid hare nicht Elisabeth bezoeken , wees gegroet, enz.
2. Maria bestuurd door den heiligen Geest, wees gegroet, enz.
3. Maria,met alle haast opstaande, ging over het gebergte, wees gegroet, enz.
292 DE H. ROZENKRANS.
4. Maria werd met veel liefde van hare nicht Elisabeth oat vangen, wees gegroet, enz.
5. De H. Joannes is gezuiverd en van blijdschap opgesprongen in het lichaam zijner moeder,
6. Elisabeth zeide: gezegend is ^ de vrucht uws lichaains, g
7. Maria heef i uitgeroepen; mij ne m ziel maakt groot den Heer, ^
8. Elisabeth zeide : wat geluk ^ geschiedt mij, dat de Moeder des Heeren tot mij komt, ^
9. Het huis van Zacharias is b door de komst van Jesus en * Maria gezegend,
10. Maria heeft hare nicht drie maanden met veel liefde gediend ,
Eere zij den Vader, enz.
III. De geboorte van Christus.
De namen van Jesus en Maria moe-
DE H. EOZENKRANS. 293 ten zijn geprezen : van nn af tot altijd na dezen. Onze Vader, enz.
1. Maria heeft gebaarden is Maagd gebleven, wees gegroet, enz.
2. Maria heeft Jesus in eenen stal gebaard en in doeken gewonden,
8. Maria heeft Jesns met veel liefde en verwondering aan- ^ schouwd, 2
4. Maria heeft Jesns omhelsd x en aan haar hart gedrukt, ^
5. Maria h^ eft Jesus met hare ~ heilige borsten gevoed, %
6. Maria heeft Jesns in eene ~ kribbe gelegd, die Josef daar- S toe had bereid, ^
7. Jesns lag op hooi en stroo , tusschen den os en den ezel,
8. DeEngelenhebben gezongen: Glorie zij God in het allerhoogste , eis vrede aan de menschen van goeden wil,
294 DE H. ROZENKRANS.
9. De herders hebben het Kind komen bezoeken, wees gegroet, Maria, enz.
10. De drie koningen hebben het Kind komen aanbidden en hunne giften geofferd, wees gegroet, Maria, enz.
Eere zij den Vader, enz.
IV. De opdracht van Christus.
De namen van Jesns en Maria moeten zijn geprezen : van nu af tot altijd na dezen. Onze Vader, enz.
1. Maria ging om haar Kind te offeren, wees gegroet, enz.
2. Jesus en Maria onderwierpen ^ zich aan de wet, 5,
3. Maria ging door moeielijke ^ wegen naar Jeruzalem, ^
4. Maria heeft Jesus op hare 3 armen gedragen, 壉
5. Maria volgde al biddende quot;cd haren weg, «
6. Maria heeft Jesus in den
DE H. EOZENKRANS. 295 tempel geofferd, wees gegr.enz.
7. Maria heeft Jesus met vijf sikkelen herkocht, ^
8. Anna was verblijd dat hare § voorspelling was volbracht, ^
9. De oude Simeon heeft Jesus omhelsd en op zijne armen 3 genomen,
10. Simeon zeide: Heer! laat ^ uwen dienaar gaan in vrede, § naar uw woord ,
Eere zij den Vader, enz.
V. De vinding van Christus.
De namen van Jesus en Maria moeien zijn g( prezen : van nu af tot altijd na dezen. Onze Vader,enz.
1. Maria heeft haar lief Kind verloren, wees gegroet, enz.
2. Maria heeft haren schat gemist,
3. Maria heeft hem al weenende gezocht,
4. Maria heeft Jesus langs alle wegen en straten gaan zoeken,
296 DE H. ROZENKRANS.
5. Maria heeft Jesus na drie dagen gevonden, wees gegroet, enz.
6. Maria vond Jesus in den tempel,
7. Jesus, twaalf jaren oud zijnde, ^ onderwees de Leeraren, ^
8. Maria zeide : Zoon, waarom ⢠hebt gij ons bedroefd, ^
9. Jesus is met hen gegaan en % was hun onderdanig, ®
10. Maria bewaarde al de woor- quot; den in haar hart, die Jesus 2 tot haar sprak, ^
Eere zij den Vader , euz.
GEBED.
O Maria, allergoedertierenste Moeder! verkrijg mijn hart droefheid, en mijne oogen tranen van berouw, om te beweenen dat ik Jesus door de zonden zoo dikwijls verloren heb; vergun mij hem weder te vinden en altijd te behouden. Amen.
DE H. EOZENKEANS. 297 DE VIJF DROEVIGE GEHEIMEN.
In den naam des Vaders, en des Zoons, en des heiligen Geestes. Amen.
Ik geloof in God den Vader, enz.
Eere zij den Vader, enz.
Onze Vader, enz.
Ik 12 roet u, Dochter van God den Vader, wees gegroet, Maria, enz.
Ik o-roet n, Moeder van God den Zoon, wees gegroet, Maria, enz.
Ik groet u, Bruid van God den H. Geest, wees gegroet, Maria, enz.
Zoo liefheeft God den mensch gehad, dat hij zijnen eenigen Zoon niet heeft gespaard, maar hem heeft geleverd ten dood, ja tot den dood des kruises.
L De benauwdheid van Christus.
De namen van Jesus en Maria moeten zijn geprezen : van nu af tot altijd na dezen. OnzeVader, enz.
298 DE H. EOZENKEANS.
1. Jesus giug naar het hofje van Oliveten, wees gegroet, enz.
2. Jesus viel plat ter aarde neder,
3. Jesus volhardde in het gebed ,
4. Jesus was bedroefd tot den dood. lt;
5. Jesus zweette water en bloed, ^
6. Jesus stelde zijnen wil inden m wil van zijnen hemelschen ^ Vader, 1
7. Jesus vermaande zijne Leer- § lingen om te waken en te -bidden, 2
8. Jesus werd van zijnen Apos- ^ tel door eenen kus geleverd,
9. Jesus werd van zijn bemind volk gevangen,
10. Jesus werd wreed gebonden en gesleurd van den eenen rechter tot den anderen.
Zoo lief heeft God den mensch gehad, enz.
DE H. EOZENKRANS. 299 11. De qeeseling van Christus.
De namen van Jesus en Maria moeten zijn geprezen : van nu af tot altijd na dezen. Onze Va Ier, enz.
1. Jesus werd geleverd om ge-geeseld te worden, wees gegroet, enz.
2. Jesus werd valsch beschuldigd,
3. Jesus kleederen werden uit- ^ gerukt, %
4. Jesus stond daar naakt en 02 bloot,
5. Jesus aan eene kolom ge- ^ bonden,
6. Jesus werd met zweepen ge- quot; slagen, ^ |
7. Jesus werd met roeden ge- quot; geeseld,
8. Jesus vleesch met scherpe sporen verscheurd,
9. Jesus bloed vloeide langs de aarde,
300 DE H. EOZENKEANS.
10. Jesus, ontbonden, kruipt naar zijne kleederen, wees ^egr. enz.
Zoo liefheeft God den mensch gehad, enz.
III. De krooning van Christus.
De namen van Jesus en Maria moeten zijn geprezen : van nu af tot altijd na dezen. Onze Vader, enz.
1. Jesus werd verwezen om gekroond te worden, wees gegr. enz.
2. Zij hebben Jesus eene dooreen kroon bereid . ^
8. Zij hebben de doornen kroon ^ in Jesus hoofd gedrukt, ^
4. Jesus hoofd langs alle kanten 7c doorwond, oq
5. Jesus hoofd druipende van 3' het bloed, r
6. Jesus hoofd met bloed bedekt, ®
7. Jesus oogen met tranen over- § goten,
8. Jesus lippen met doodverw
besmet,
DE H. ROZENKRANS. 301
9. Jesus met eenen purperen mantel bespot, wees gegroet, enz.
10. Jesus, zoo wreed mishandeld, aanziet den mensch, wees gegroet, enz.
Zoo lief heeft God den mensch gehad, enz.
IV. De kruisdraging van Christus.
De namen van Jesus en Maria moeten zijn geprezen : van nu af tot altijd na dezen. OnzeVader, enz.
1. Jesus werd veroordeeld om gekruist te worden , wees gegr. enz.
2. Jesus heeft zijn kruis met liefde omhelsd, ^
3. Jesus heeft zijn kruis op zijne ® doorwonde schouderen ge- ^ dragen, ^
4. Jesus bezweek onder het kruis Z om onze zonden, 2-
5. Jesus, beladen met zijn ^ kruis, ontmoette zijne be- S droefde Moeder,
302 DE H. EOZENKRANS.
6. Jesus drukte zijn aangezicht in den doek, wees gegroet, enz.
7. Jesus zeide : handelt men zoo ^ met het groene hout, wat zal ^ dan het dorre geschieden, 73
8. Niemand wilde Jesus zijn ^ kruis helpen dragen, r8
9. Jesus viel aan den berg neder, g
10. Jesus klom voor ons op den « berg van Calvarië,
Zoo lief heeft God den mensch gehad, enz.
V. De kruisiging van Christus.
De namen van Jesus en Maria moeten zijn geprezen : van nu af tot altijd na dezen. Onze Vader,enz.
1. Jesus werd wreed op het kruis uitgerekt, wees gegroet, enz.
2. Jesus handen en voeten door-nageld, wees gegroet, enz.
8. Jesus werd aan het kruis opgericht, en zijne wonden vloeiden
DE H. ROZENKRANS. 303 van het bloed , wees gegroet, enz.
4. Jesusbad voor zijne vijanden,
5. Jesns beloofde den moordenaar het Paradijs, ^
6. Jesns beval den heiligen Jo- J annes aan zij ne lie^v e Moeder, S
7. Jesns, dorst hebbende, is cg met gal en azijn gelaafd, ^
8. Jesns heeft uitgeroepen: mijn g God, waarom hebt gij mij ^ verlaten, e
9. Jesns zeide:het is volbracht, ^
10. Jesns heeft zijnen geest gegeven en zijn hart voor ons laten openen.
Zoo lief heeft God den mensch gehad, enz.
Gebed.
ó Jesns! ik bidU, door uwe smarten en uwen bitteren dood, door uwe
doornagelde handen, doorboorde
voeten doorstoken zijde en al uwe
304 DE H. ROZENKRANS, gezegende wonden: ontferm U mijner , en druk uw heilig lijden zoo in mijn hart, dat mij niets anders behage dan Gij, mijn Jesus, die voor mij gekruisigd zijt. Amen.
DE VIJF ROEMVOLLE GEHEIMEN.
In den naam des Vaders, en des Zoons, en des heiligen Geestes. Amen.
Ik geloof in God den Vader , almachtig , enz.
Eere zij den Vader, enz.
Onze Vader, enz.
Ik groet u, Dochter van God den
Vader, wees gegroet, enz. Ik groet u, Moeder van God den
Zoon, wees gegroet, enz. Ik groet u. Bruid van God den heiligen Geest, wees gegroet, enz. Geloofden verheerlijkt zij Christus in het heilige Sacrament des Altaars; deszelfs voorstanders, de heilige vader Dominicus, met zoo
DE H. ROZENKRANS. 305
vele lofzangen en eere als hij waardig is.
I. De verrijzenis van Christus.
De namen van Jesus en Maria moeten zijn geprezen ; van nu af tot altijd na dezen. Onze Vader, enz.
1. Jesus is ten derden dage opgestaan, wees gegroet, euz.
2. Jesus heeft dood en hel overwonnen,
3. Jesus troostte en verloste de ^ Oudvaders, J
4. Jesus is roemvol verrezen,
5. Jesus verblijdde zijne lieve cg Moeder, cr
6. Jesus verscheen ais een ho- § venier aan MariaMagdalena, ^
7. Jesus vertoonde zich aanPe- g trus, en heeft hem gezegend, ^
8. De Leerlingen van Emaüs zeiden : waren onze harten niet
brandende van liefde, als hij
20
306 DE H. EOZENKRANS.
tot ons sprak, wees gegroet, enz.
9. Jesus stond te midden van zijne Leerlingen en wenschte hun allen den vrede, wees gegr. enz.
10. Jesus toonde zijne roemvolle wonden aan den H. Thomas, wees gegroet, enz.
Geloofd en verheerlijkt, enz.
II. De hemelvaart van Christus.
De namen van Jesus en Maria moeten zijn geprezen : van nu af tot altijdna dezen. Onze Vader, enz.
1. Jesus roemvolle hemelvaart, wees gegroet, enz. ^
2. Jesus scheidde van zijne lieve J vrienden, «
3. Maria omhelsde haren lieven ^ Zoon, ^
4. Magdalena wierp zich aan S de voeten van Jesus, ^
5. Jesus klom op door zijne g eigene macht,
DE H. ROZENKRANS. 307
6. De Leerlingen hebben Jesus aanschouwd, en hij heeft hen allen gezegend, wees gegroet, enz.
7. Jesns heeft voor ons den he- ^ mei geopend, g
8. Jesns zit aan de rechterhand ® van zijnen hemelschen Vader, ^
9. Jesns toont zijne heilige won- S den voor ons aan zijnen he- S-melschen Vader,
10. Jesns is onze middelaar in n den hemel,
Geloofd en verheerlijkt, enz.
III. De zending van den H. Geest.
De namen van J esns en Maria moeten zijn geprezen : van nu af tot altijd na dezen. Onze Vader, enz.
1. Jesns heeft den heiligen Qeest beloofd, wees gegroet, enz^
2. Jesns heeft den Trooster gezonden, wees gegroet, enz,
3. Jesns heeft het vuur op de we-
308 DE H. EOZEKKEANS.
reld gezonden, wees gegr. enz.
4. De heilige Geest heeft de harten met liefde ontstoken,
5. De heilige Geest heeft de verstanden verlicht,
6. De heilige Geest heeft de ^ harten versterkt, g
7. De heilige Geest heeft ver- 03 scheidene talen doen spreken, ^
8. De heilige Geest heeft zijne 3 ^aven uitgedeeld, £
9. Kom heilige Geest, bezoek de ~ harten uwer geloovigen, 3
10. Kom heilige Geest, ontsteek * in ons het vuur uwer liefde.
Geloofd en verheerlijkt, enz.
IV. De hemelvaart van Maria.
De namen van Jesus en Maria moeten zijn geprezen : van nu af tot altijd na dezen. Onze Vader, enz.
1. Maria is opgenomen ten hemel, wees gegroet, enz.
DE H. ROZENKRANS. 309
2. De hemelsche Vader ontving zijue beminde Dochter, wees gegroet, enz.
3. Jesus verwelkomde zij ne lieve Moeder,
4. De heilige Geest omhelsde ^ zijne lieve Bruid, oT
5. De Serafijnen groeten Man'a. ^
6. De Engelen dienen Maria, ^
7. Heel de hemel is verblijd ^ door Maria, i
8. Maria zit bij haren lieven Zoon, ^
9. Maria is onze voorspreekster 3 in den hemel, ^
10. Maria is onze Moeder in den hemel.
Geloofd en verheerlijkt, enz.
V. De krooning van Maria.
Denamen van Jesus en Maria moeten zijn geprezen : van nu af tot altijd na dezen. Onze Vader, enz.
1. Maria is roemvol gekroond in den hemel, wees gegroet, enz.
310 DE H. ROZENKRANS.
2. Maria gekroond om hare sera-üjnscheliefde, wees gegroet,enz.
3. Maria gekroond om hare engelachtige zuiverheid,
4. Maria gekroond om hare groote ootmoedigheid,
5. Maria gekroond om hare ^ volmaakte gehoorzaamheid,
6. Maria gekroond om hare » heilige voorzichtigheid, ^
7. Maria gekroond om hare ^ groote geduldigheid, §
8. Maria gekroond om hare ijverige dankbaarheid, §
9. Maria gekroond om hare 5(1 volharding in alle deugden,
10. Maria boven alle Engelen en Heiligen in den hemel gekroond, gelijk het de Moeder Gods toekomt.
Geloofd en verheerlijkt, enz.
Gebed.
Ik offer u, allerzuiverste Maagd
en allerroemrijkste Moeder Gods
DE H. ROZENKRANS. 311 Maria, in de vereeniging van al uwe deugden, verdiensten en volmaaktheden, deze geestelijke kroon van gebeden en groetenissen : verwaardig u dezelve te ontvangen, met al de lofzangen, die op de aarde en in den hemel gedaan worden; en verkrijg mij en al degenen voor welke ik gehouden ben te bidden, van uwen lieven Zoon, de genade om wel te leven en zalig te sterven. Amen.
Een Onze Vader, tot dankbaarheid, omdat God ons de genade gegeven heeft van den Rozenkrans te bidden. Onze Vader, enz.
Een Wees gegroet, opdat Maria ons verstand wil opdragen aan den hemelschen Vader, en wij in eeuwigheid zijner barmhartigheid mogen gedenken.
Wees gegroet, enz.
312 DE H. ROZENKRANS.
Eea Wees gegroet, opdat Maria ons geheugen wil opofferen aan haren Zoon, en wij gedurig zijn leven eu bitter lijden indachtig zouden mogen wezen.
Wees gegroet, Maria, enz.
Een Wees gegroet, opdat Maria onzen wil gelieve toe te eigenen aan den heiligen Geest, en hij gedurig in ons van liefde mag branden.
Wees gegroet, Maria, enz.
Het geloof zullen wij bidden, opdat ons gebed aan God mag aangenaam wezen; dat het mag strekken tot zijne meerdere eer en roem, tot welstand van de heilige Kerk, tot bekeering der zondaren en afgevallene Christenen, en tot welstand der gemeenten.
Ik geloof in God den Vader, enz.
De almogendheid des Vaders beware ons.
De wijsheid des Zoons onderwijze ons.
de h. kruisweg. 313 De liefde des heiligen Geestes ontsteke m oüs.
In den uaam des Vaders, en des Zooijs, en des heiligen Geestes. Amen.
~sggt;-=
DE H. KRUISWEG.
Wijze om deze godsvrucht te oefenen.
In de kerk gekomen, om den Kruisweg te houden, knielt men voor het altaar neder, en tracht men zich voor te bereiden, door eene akte van berouw te verwekken. Vervolgens gaat men de onderscheidene Statiën in volgorde bezoeken, en zich voor elke Statie op de knieën werpende, zegt men met gevoel: wij aanbidden U, Christus, enz. Nu blijft men een weinig tijds dat geheim van Jesus lijden overwegen , hetwelk door die Statie wordt voorgesteld, en na een kort gebed tot den lijdenden Verlosser, zegt men: Onze Fader, TFees gegroet, met deze woorden sluitende: Ontferm, ü onzer! enz. Op deze wijze gaat men voort tot aan de laatste Statie, en zich dan weder tot het altaar wenderide, bedankt men God voor de ont-vangene genadegiften.
314 DE H. KRUISWEG.
De aflaten, welke men in deze oefening verdienen kan, zijn dezelfde, welke zij verdienen, die de Statiën van den Kruisweg te Jerusalem, in persoon bezoeken. Vele van deze zijn volle aflaten, van welke men zich zeiven eenen kan toevoegen en de overigen voor de zielen in het vagevuur.
Met den diepsten eerbied werp ik mij voor U ter aarde, Verlosser van den zondigen mensch; en innig getroffen over het lijden, dat U mijne verlossing gekost heeft, wil ik mij in deze oogenblikken met dat wonder van liefde bezig houden, door U in den geest op uwen Moedigen Kruisweg te vergezellen. Maar hoe zal ik dit op eene waardige wijze kunnen verrichten, ik die U zoo dikwerf beleedigde, uw lijden niet zelden vernieuwde? Ja, mijn Jesus! ik beken het, ik ben een zon-
DE H. KRUISWEG. 315 daar, een onwaardige: maar Gij kunt mij rechtvaardigen uwer liefde waardig maken. Ontferm U dan over mij; verwerp mij niet van uw aanschijn, en vergeefdenboetvaar-digen zondaar, dieU als het hoogste goed boven al bemint, en juist daarom berouw heeft over zijne zonden. Niet meer, mijn God! niet meer zal ik zondigen, maar U steeds zoo beminnen. dat ik eenmaal onder diegenen gerangschikt worde, voor wien uw bloed niet vruchteloos vergoten werd.
Tot voldoening voor mijne misdrijven, offer ik U deze oefening op. Stort gedurende dezen bloedigen tocht in mij den goeden geest, en geef mij dat ik, door uw lijden bewogen , tot uwe navolging aang espoord worde; maak mij deelgenoot aan de verleende aflaten, opdat zij mij behulpzaam zijn, in dit leven uwe erbarming en hierna uwe heer-
I d(
e( rf
Wij aanbidden U, Clrristus, en d(
loven U. d!
Omdat Gij door uw heilig kruis g1
de wereld verlost hebt. rt
Overweeg, mijne ziel, met wel- t(
ke gevoelens Jesus dit vonnis ont- t(
vangt: zie, hoe gewillig hij zich n
aan hetzelve, uit liefde tot u onder- ti
werpt. Ach, dat Gij u toch eens v
schaamdet, gij, die zoo dikwijls het h
vonnis des eeuwigen doods verdien- g det! Gij gewaardigt u nauwelijks eene geringe versterving aan te
nemen, waartoe Gods plaatsbe- l kleeder u soms veroordeelt. Welaan dan, wend u vol schaamte tot Jesus, uwen bruidegom, en zeg hem met een hart vol liefde :
DE H. KRUISWEG.
Gebed.
Dierbare Jesus ! uwe onschuld en de liefde waarmede Gij U, zonder eenige tegenspraak aan het onrechtvaardige vounis onderwerpt, m doen mij blozen. Het is mij leed dat ik bij het ontvangen van eene s geriuge beleediging, bij hethoo-ren van een smadelijk woord, [- tot hiertoe mij zoo verontwaardigd t- tooode; ja, dit smart mij, en ik b maak een vast voornemen, voortaan met uwe heilige hulp elke s versmading, hoe onrechtvaardig, (t hoe smartelijk die ook zijn moge,
gaarne te verduren.
S Onze Vader , Wees gegroet.
e Ontferm U onzer , Heer ! ontferm
U onzer.
t
r
317
5
m
318 DE H. KRUISWEG.
t
11. STATIE.
Jesus neemt het kruis op zijne schouderen.
Wij aanbidden U, Christus, en loven U.
Omdat Gij door uw heilig kruis de wereld verlost hebt.
Mijne ziel! beschouw uwen Jesus; zie met welk eeneteederheid Hij het kruis omhelst, met welkeen kalmte en gelatenheid Hij den moedwil der woeste bendeverdraagt. Ach! bloos over het ongeduld, waaraan gij u bij het verschijnen van het geringste kruisje van tegenspoedzoo vaardig overgeeft. Kom, vergezel uwen met het kruis beladen Jesus, en zeg hem:
GEBED
Met reden schaam ik mij, lieve Jesus, wanneer ik U het kruis! het door mijne ondankbaarheid, door
DE H. KRUISWEG. 319 mijne zonden vervaardigd kruis, zoo liefderijk zie omhelzeo, terwijl ik aarzel, die lichte, die aangename kruisjes op te nemen, welke uwe oneindige liefde mij vormde en n door zoo vele genadehulp dragelijk maakte. Vergeef het mij, bid ik U s vermits ik een vast besluit maak, niet alleen om dezelve voortaan !; gaarne te omhelzen, maar daaren-it boven, met uwe geliefde heilige e Theresia, U onophoudelijk te smee-sr ken : of lijden of sterven; het kruis s of de dood.
n Onze Vader, Wees gegroet.
Ontferm ü onzer, Heer ! ontferm 'O JJ onzer.
ïl |
3' III. STATIE.
Jesus valt voor de eerste maal onder 6 het kruis.
3t Wij aanbidden U, Christus, en )r loven U.
I
320 DE H. KRUISWEG.
Omdat Gij door uw heilig kruis de wereld verlost hebt.
Mijne ziel! ziet gij de beleedigin-gen niet, welke uw gevallen Jesus te verduren heeft? En echter zwijgt Hij, en verdraagt Hij alles uit liefde tot u ! En hoe ongeduldig zijtgij niet, wanneer eene lichte ziekte u aantast, wanneer een gering ongeval u treft, hoe bitter beklaagt gij u dan niet! Ach, werp u met tranen van berouw voor Jesus voeten neder, en bid hem :
Gebed.
Beminnelijke Jesus! met leedwezen werp ik mij voorU ter aarde, omdat ik U zoo dikwerf door mijn ongeduld beleedigde. Ach ! schenk mij de genade! om te kunnen opstaan, den weg des kruises met liefde en vreugd te vervolgen, en alle rampslagen gaarne te verduren.
Onze Vader, Wees gegroet.
DE H. KRUISWEG. 321
Ontferm TI onzer. Heer! ontferm ü onzer.
t
IV. STATIE.
Jesus ontmoet zijne heilige Moeder.
Wij aanbidden U, Christus, en loven U.
Omdat Gij door uw heilig Kruis de wereld verlost hebt.
Ach! welk eene hevige smart doorboorde het hart van Maria, en wie kan de folteringen opnoemen, waarmede Jesus lijden bij deze ontmoeting verzwaard werd? Ween, mijne ziel, ween bij dit zielroerend schouwspel, en troost de bedroefde Moeder en den lijdenden Zoon op deze wijze:
GEBED.
Liefderijke Moeder! ik ben het, die uwen geliefden Zoon, uwen Jesus: aan die barbaarschehanden
31
322 DE H. KRUISWEG, van ruwe krijgsknechten overleverde. Toen ik zondigde, juist toen vormde ik het zwaard van droefheid , dat uw moederhart doorboorde. Ach! ik heb er berouw over, en smeek u beiden om erbarming en vergeving. Erbarming heilige Maria! Mijn Jesus! ontferm U over eenen zondaar, die het besluit maakt niet meer te zondigen, en tot dat einde de smarten dikwijls te overwegen van Jesus en Maria.
Onze Vader. Wees gegroet.
Ontferm ü onzer. Heer! ontferm U onzer.
t
V. STATIE.
Jesus wordt door Simon van Cyrenen in het kruis drag en geholpen.
Wij aanbidden U, Christus, en loven U.
Omdat Gij door uw heilig Kruis de wereld verlost hebt.
DE H. KRUISWEG. 323
e- Denk eens na, mijne ziel, welke
m beleediging de Cyrener Jesus aan-
'f- deed, door Hem in het kruisdra-
r- gen zijne hulp te weigeren. Maar
m beleedigt gij Hem niet meer, als
3n gij het kruis, dat Jesus u over-
a- zendt, gedwongen en niet met
er liefde torscht, als gij het nasleept
lit en zelfs durft ontvluchten? Ach!
en verfoei uwe dwalingen, en bid
jls uwen liefhebbenden Jesus :
Laquot; GEBED.
ü Liefdevolle Jesus! ik belijd het, ik was die Cyrener; ik die slechts gedwongen het kruis der wederwaardigheden gedragen en altijd getracht heb hetzelve te ontvluchten. Ach! ik erken mijne misdaden; ik smeek om vergeving en genade en voor de toekomst. Zend mij vrij die kruisen, welke U zoo dierbaar lis zijn; met uwe hulp zal ik ze volgaarne omhelzen.
324 DE H. KRUISWEG.
Onze Vader. Wees gegroet.
Ontferm à onzer. Heer! ontferm U onzer.
t
VI. STATIE.
Veronica droogt Jesus aanschijn met eenen zweetdoek.
Wij aanbidden U, Christus, en loven U.
Omdat Gij door uw heilig Kruis de wereld verlost hebt.
Is het mogelijk, mijne ziel, dat gij niet van liefde en teederheid wegsmelt, bij de overweging van de belooning, welke de goede Jesus aan de vrome Veronica uitreikte, voor hare aan Hem betoonde daad van medelijden? Hij stelde haar in het bezit van zijne in den zweetdoek uitgedrukte, aanbiddelijke gelaatstrekken. Zou Hij niet op-dezelfde wijze ook met u handelen,
DE H. KRUISWEG. 325 door zijn heilig wezen in uw hart te drukken, zoo gij dikwerf uw medelij denj egens Hem opwektet'? A.ch! geef dan van dit gemis aan uzelven alleen de schuld, en zeg Hem:
Gebed.
Gefolterde Godmensch ! zoo Gij niet in mijn hart gedrukt zijt, is de schuld niet aan U ; neen, aan mijzelven, aan mijne ongevoeligheid moet ik het dank weten. Immers, gevoel ik wel ooit medelijden jegens U ? overweeg ik wel ooit uwe smarten ? Ach ik verfoei mijne handelwijze en wil voortaan uw bitter lijden dikwijls overwegen, opdat Gij met onuitwisbare letteren in mijn hart moogt gegrift blijven.
Onze Vader , Wees gegroet.
Ontferm ü onzer, Heer ! ontferm U onzer.
826 DE H. KRUISWEG.
t
VII. STATIE.
Jesus valt ten tweede maal onder het kruis.
Wij aanbidden U, Christus, en
loven U.
Omdat Gij door uw heilig kruis de wereld verlost hebt.
Ach ! mijne ziel, hoe ongevoelig zijtgij! Ziet gij niet, dat het uwe trotschheid is, die Jesus ook nu op den grond doet nedervallen, daar gij uwen Heiland met voeten treedt om uzelven te verheffen ? Ach ! verfoei toch eens dien hoogmoed, en beloof uwen gevallen Vriend beterschap.
Gebed.
Ja, mijn Jesus ! ik beween mijne trotscheld, waardoor ik steeds boven anderen den voorrang begeerde en dewijl ik hierdoor oorzaak van
DE H. KRUISAVEGr. 327 uwen val was, besluit ik, mij ook voor mijne minderen te vernederen, altijd met nederigheid en onderwerping te spreken en allen hoogmoed uit mijn hart te verbannen. Help mij hierin door uwe vermogende genade.
Onze Vader. Wee* gegroet.
Ontferm U onzer, Heer ! ontferm U onzer.
t
VIII. STATIE.
Jesus troost de iveenende vrouwen.
Wij aanbidden U, Christus, en loven U.
Omdat Gij door uw heilig Kruis de wereld verlost hebt.
Zie, mijne ziel, hoe de voor Jesus geplengde tranen, met de door Hem gegevene vertroostingen gepaard gaan. Nauwelijks weenen Jeruza-lems vrouwen, of Jesus vertroost
328 DE H. KKUISWEG.
haar. Overweeg eens, dat zoo gij tot hiertoe van Hem nog geenen troost ontvangen hebt, het een sprekend bewijs is, dat gij nog geene tranen van medelijden over uwen lijdenden Zaligmaker gestort hebt.
Gebed.
Beminnelijke Verlosser! al te wel gevoel ik mijne verplichting , om over mijne ondankbaarheid en zondige werken te weenen; maar des te meer beween ik dezelve, omdat zij oorzaak van uw lijden waren. Zoo dan de tranen der bedroefde Vrouwen U welgevallig waren, o versmaad dan de mijne niet, opdat ik zoowel nu als in het uur van mijnen dood door U getroost worde.
Onze Vader. Wees gegroet.
Ontferm U onzer, Heer ! ontferm U onzer.
DE H. KRUISWEG.
t
IX. STATIE.
Jesus valt ten derden male onder het kruis.
Wij aanbidden U, Christus en loven U.
Omdat Gij door uw heilig Kruis de wereld verlost hebt.
Beschouw, mijne ziel, beschouw uwen hier ten derden male op den grond gevallen Jesus : uwe zonden deden Hem bezwijken. Hij kon den last uwer ondankbaarheid niet langer torschen. Maak dan toch eenmaal het besluit, om niet meer ondankbaar te zijn, en uwen Verlosser op te beuren. Zeg hem met geheel uw hart:
Gebed.
Goede Jesus! het is maar al te waar, uw herhaald vallen werd door
329
330 DE H. KRUISWEG, mij veroorzaakt, doordien ik aan uwe genade zoo slecht beantwoordde; maar zie, ik heb er berouw over, en neem mij voor, in het vervolg geene genade onbeantwoord te laten. Dit echter kan ik niet zonder nwen bijstand. Help mij dan om uit dien afgrond van ondankbaarheid op te staan en nooit meer uit uwe genade te geraken.
Onze Vader. Wees gegroet.
Ontferm U onzer, Heer ! ontfeinn U onzer.
t
X. STATIE.
Jesus wordt ontkleed en met gal gelaafd.
Wij aanbidden U, Christus, en loven U.
Omdat Gij door uw heilig Kruis de wereld verlost hebt.
Overweeg, mijne ziel, hoe Jesus maagdelijke zedigheid hier belee-
DE H. KRUISWEG. 331 digd, hoe zijn smaak hier verbitterd werd. Ach! uwe onbeschaamdheid, uwe zinnelijke kieeding, uwe ij delheid beroofde u van uwe onschuld , rukte Jesus de kleederen van het lijf; uwe onmatigheid verbitterde den smaak van uwen Heer. Welaan dan, spreek Hem rouwmoedig aan, zeggende:
Gebed.
Lijdende Jesus! ja, ik beween mijn ij del pogen om in de wereld eene vertooning te maken, ik verwensch mijne onwaardige begeerten, ik verfoei alle gehechtheid aan de wereld; geef dat ik mij voortaan nooit meer van het kleed der onschuld beroove mij nooit meer aan overdaad plich-tig make, en door de eenvoudigheid mijner kleeding, de zedigheid mijns harten levendig uitdrnkke.
Onze Vader. Wees gegroet.
Ontferm U onzer. Heer ontferm U onzer.
332 DE H. KRUISWEG.
t
XL STATIE.
Jesus wordt aan het kruis genageld.
Wij aanbiddenU, Christus, en loven U.
Omdat Gij'door uw heilig Kruis de wereld verlost hebt.
Eindelijk, mijne ziel, eindelijk wordt uw vermoeide, afgematte Jesus aan het vloekhout geklonken. Ween hierbij de herinnering, dat uwe zoo gekoesterde hartstochten die scherpe nagelen waren, waarmede zijne handen en voeten doorboord werden; dat uw bedorven wil de hamers waren, welker slagen Golgotha weergalmen deden. Ach! smeek Hem hiervoor vergeving door te zeggen:
Gebed.
Mijn gekruiste Jesus! duld dat ik vol droefhed en leedwezen mijne
DE H. KRUISWEG-. 333 zonden en ondankbaarheid in uwe doorboorde handen legge , niet om U opnieuw te kruisigen; maar opdat mijne trouweloosheid, met U gekruist zijnde, van weemoed ster-ve, om in eene eeuwige trouw te veranderen.
Onze Vader, Wees gegroet.
Ontferm U onzer, Heer ! ontferm ü onzer.
t
XIL STATIE.
Jesus bidt al stervende voor zijne kruisigers.
Wij aanbidden U, Christus, en loven U.
Omdat Gij door uw heilig Kruis de wereld verlost hebt.
Beschouw, mijne ziel, beschouw nogmaals uwen aan het kruis ge-hechten Jesus. Ziehoe treffelijkHij den eeuwigen Vader bidt voor u, die Hem zoo schandelijk hoondet;
334 DE H. KRUISWEGr.
en gij aarzelt nog vergeving te ee schenken aan hen die n soms ver- de ongelijken, die u beleedigen 1 En zij echter zijt gij het, die den Zoon van God niet slechts beleedigd,
maar zelfs gekruist hebt. Welaan, on verhel' dan vol berouw over zoo veie zonden uwe stem tot Jesus, en zeg Hem:
Gebed,
Beminnelijke Zaligmaker ! uwe lo stem, waarmede Gij den Vader voor mij om vergeving badt, roept d( mij onophoudelijk toe, dat ik niet alleen mij nen naasten alle veronge- gt lijking vergeven, maar ook U voor le mijne beleedigers om vergeving S; smeeken moet. Gehoorzaam aan die ra stem, verfoei ik dan ook mijne tot d( hiertoe gevolgde hardvochtigheid, h( en maak het voornemen, om hun, bi die mij verongelijking aandoen, vi weldaden te bewijzen,opdat ik ook bi
DE H. KRUISWEG. 335 te eenmaal van U hooren moge : he-f- den zult gij met Mij in het Paradijs Q zijn.
n Onze Vader. Wees gegroet.
1, Ontferm U onzer. Heer! ontferm TI
onzer.
iO t
5, XIIL STATIE.
Jesus wordt van het kruis genomen.
Wij aanbidden U, Christus, en e loven U.
ïr Omdat Gij door uw heilig Kruis )t de wereld verlost hebt. it Gij waart het, mij ne ziel, die den gestorven Jesus in Maria's schoot r legdet, zoo dikwijls gij Hem in het g Sacra ment met weinig godsvrucht, e mogelijk wel op eene heiligschen-it dende wijze, in uw hart ontvangen hebt, en Hem zoodoende in uw binnenste deed sterven. Ach! , vraag Jesus hiervoor vergeving; k bid Maria om hare voorspraak.
336 DE H. KRUISWEG.
GEBED.
Ja mijn God! het is waar, ik was ongevoeiigsenoegomzulk eendroe-vig schouwspel daar te stellen, dewijl ik zoo dikwijls uwe heilige Tafel naderde, zoo niet met een door zonde bezoedeld geweten, dan toch met weinig godsvrucht en met een aan het aardsche gehecht hart. Ach! dit berouwt mij en spoort mij tevens aan, om voortaan het brood der Engelen zoo te ontvangen, dat het voor mij een onderpand worde der toekomstige heerlijkheid.
Onze Vader. Wees gegroet.
Ontferm U onzer. Heer! ontferm U onzer.
t
XIV. STATIE.
Jesus wordt in het graf gelegd.
Wij aanbidden U, Christus, en loven U.
DE H. KRUISWEG. 337
Omdat Gij door uw heilig Kruis de wereld verlost hebt.
Overweeg, mijne ziel, hoedanig het graf was waarin uw ontzielde Verlosser gelegd werd. Hetwas een nieuw graf, en met kostbaar reukwerk gebalsemd werd Hij in hetzelve nedergeiegd. Dan helaas! uw hart is voor uwen Jesus geen nieuw graf meer, daar gij der zonde in hetzelve eerst eene plaats hebt ingeruimd. Welaan, tracht het nu ten minste te vernieuwen, en bid hem, dat Hij in u een geheel ander hart scheppe.
GEBED.
Liefde mijner ziel, ik belijd het, mijn hart was tot hiertoe een door zoo vele zonden en onvolmaaktheden bezoedeld graf: maar vol schaamte en berouw bid ik U, schep in mij een nieuw en zuiver hart, en geef dat ik hetzelve met
338 DE H. KRUISWEG, den balsem van de gedachtenis aan uw lijden zalve, en met het reukwerk der deugden verfraaie. Dan zult Gij altijd in mijn hart rusten, als in een graf dat heerlijk en U welgevallig is. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet, enz.
Ontferm U onzer. Heer! ontferm ü onzer.
Sluitgebed.
Hartelij k dank zij U, o Heer, voor al uwe weldaden, en inzonderheid voor de weldaad welke Gij mij nu weder bewezen hebt, door mij op dezen kruisweg te ondersteuneo. Ik mocht mij dan gedurende dezen tijd eens van h et aardsche losscheuren, mij in de geheimen van uw lijden verdiepen en daaruit heilrijke lessen verzamelen. O, dat deze oefening dan ook werkelijk strekke tot verbetering van mijnen wandel en tot zaligheid mijner ziel. Geef,
DE H. KRUISWEG. 339 iis goede Jesus, dat zij ook aan die af-et gestorvene geloovigen voordeelig ie. zij, voor welke ik dezelve heb opge-rt dragen; en mochten zij die aflaten r- niet noodig gehad hebben, gewaar-n. dig U dan, dezelve aan die zielen toe te voegen, voor welke geene U bijzondere gebeden gestort worden, en die aan mijne hulp de meeste behoefte hebben; beschik er over gelijk het U behaagt. »r Eindelijk, verleen mij dat ik uw d lijden bestendig in mijne gedachten u hebbe, mijnen wandeler naar re-p gele, en tot den laatsten adem mij ns i. levens inde deugd volharden moge. a Amen. Zes malen Onze Vader, enz.
GEBEDEN OP HET LIJDEN EN STERVEN
e
van onzen Heer Jesus Christus.
t Volgens de getuigenis van Christus ,
1 kan de mensch op deze wereld geen , heter middel vinden om de zaligheid
340 GEBEDEN OP HET zijner ziel te bevorderen, om dagelijks het hitter lijden en sterven van onzen Heer Jesus Christus te overwegen; daarom zijn alle Getijden van het Lijden verdeeld in vier- en- twintig deelen , voor de vier- en- twintig uren van den dag, om bij tijdsgelegenheid te gebruiken.
1. Christus spijst zijne Apostelen, en stelt het heilig- Sacrament des Altaars in.
2. Christus wascht de voeten zijner Apostelen.
8. Hij gaat met zijne Apostelen in het holje Gethsemane.
4. Hij valt op de aarde, zweet water en bloed, en bidt den Vader: is het mogelijk, zoo neem dezen kelk van mij.
5. Judas verraadt Christus met eenen kus, en levert hem over aan de Joden.
6. Christus wordt van de Joden
LIJDEN VAN CHRISTUS. 341 gevangen genomen, getrokken en gebonden.
7. Christus wordt gesleept door de beek Cedron.
8. Hij wordt gevoerd voor den hoogepriester Annas, en van eenen krijgsman ontvangt hij met eenen ijzeren handschoen een kaakslag.
9. Van daar wordt hi j geleid naar Caïphas, Herodes en Pilatus.
10. Hij wordt van Herodes bespot, en als een krankzinnige met een wit kleed omhangen.
11. Van Herodes wedergezonden naar Pilatus, wordt hij onschuldig bevonden.
12. De Schriftgeleerden, Farize-ërs en Hoogepriesters riepen: kruist hem, kruist hem !
13. Hij wordt onbarmhartig geslagen, en met roeden, zweepen en ketenen gegeeseld.
14. Christus wordt gekroond met doornen, met vuisten geslagen, met
342 GEBEDEN OP HET gebogen knieën valsch aangebe-beden ; hem wordt een riet in de hand gegeven, en als koning wordt hij beschimpt en bespot.
15. Daarna zetten zij hemopeenen steen, hangen hem eenen purperen mantel om, spuwen hem in zijn heilig aangezicht en roepen: wees gegroet, Koning der Joden!
16. Pilatus toont hem aan het volk, zeggende : Ecce Homo : aanziet den mensch; en hij wordt ter dood verwezen.
17. De soldaten ontkleeden hem en bereiden een zwaar kruis,hetwelk hij met groote pij n en smart naar den berg van Calvarië moet dragen.
18. Hij zucht onder het kruis tot zijnen hemelschen Vader, voor de zaligheid der menschen, en bezwijkt van pijn en bloedverlies.
19. Christus ontmoet zijne lieve Moeder, die van ontsteltenis, toen zij haren beminden Zoon onder den
LIJDEN VAN CHRISTUS. 343 )e- zwaren boom des kruises zoo door-de wond en mishandeld ziet, van me-'dt delijden in onmacht valt.
20. Christus valt onder het en kruis, en wordt van de krijgs-en knechten wreed opgebeurd, en ijn met het kruis naar den berg van ses Calvarië gesleept en getrokken.
21. Als hij den berg van Calvarië iet bereikt, wordt hij van zijne klee-m- deren ontbloot en naakt op het ter kruis geworpen, en zoo geweldig,
dat al zijne wonden weder op en nieuw bloeden.
Ik 22. Zijne gezegende handen en en voeten worden met groote nagels
doorboord en geslagen.
liot 23. Christus wordt wreed met de het kruis opgeheven, dat men in ie- eenen daartoe gemaakten kuil liet vallen, waardoor al zijne ledema-ve ten van hunne plaats verzet weren den en hij aan zijne gezegende en handen bleef hangen.
344 GEBEDEN OP HET
24. Christus is drie uren lang levend aan het kruis blijven hangen, en nadat alles volbracht was, dat van hem geschreven staat, heeft hij zijnen geest in de handen van zijnen hemelschen Vader gegeven en is gestorven.
Manier om den ganschen dag al zijne werken met het lijden onzes Heeren Jesus Christus te vereenigen, en de heilige Drievuldigheid daardoor te eeren.
1. Als men 'smorgens ontwaakt, moet men denken , hoe Christus van de wrecde Joden in Pilatus voorhof mishandeld en den geheelen nacht beschimpt, bespot en geslagen is; zeg dan:
O Heer Jesus Christus! doe mijn hart ontwaken tot U, die den geheelen nacht van de meineedige Joden in den voorhof van Pilatus beschimpt, bespot en geslagen zijt; dat ikU dezen dag mag loven, prijzen en eeren; die leeft en heerscht, met den Vader en den heiligen Geest, in alle eeuwigheid. Amen.
-1
LIJDEN VAN CErRISTUS. 345
lg
k2. Als men van zijne slaapkamer gaat, 11- moei men denken hoe Christus van de Joden ,g ? getrokken en gebonden is , en zeggen :
^ O Heer Jesus Christus ! vergun ,e_ mij door iiwe grenzelooze barmhartigheid. dat ik dezen dag uwe voetstappen navolgen en nooit van U er- afwijken mag. Bewaar mij, Heer, s door uwe ketenen en banden, heden voor alle ongeluk en listige lagen van den hoozen vijand. Amen.
nen
i in 3. Als gij uit uw huis gaat, denk hoe Chris-
üen tus geleid is naar Annas, Cdiphas, Herodes an: en Pilatus , en zeg :
ijn O minzame Jesus ! waar zal ik ie- U vinden, eenige schat mijner ziel, en troost mij ns gemoeds, wellust mij ns )e- harten ? Gij zijt geleid voor de hooit ; gepriesters om geoordeeld te wor-'ij- den : geef mij de genade U alii, zoo na te volgen, dat ik op den en jongsten dag uw streng oordeel n. niet behoef te vreezen. Amen.
346 GEBEDEN OP HET
4. Ah men door de Kerk gaat, moet men denken hoe Christus met zijne Apostelen het Paaschfeest gehouden en met hun het Avondmaal gegeten heeft, en dat hj het heilig Sacrament des Altaars ingesteld heeft, zeggende:
O barmhartige Jesus! om onze gebreken en onstandvastigheid hebt Gij met groot verlangen met uwe Apostelen het Paaschlam gegeten, en hun met uw eigen vleesch en bloed gespijsd, hun ongeloof verdreven, in het geloof bevestigd, en hun den weg der eeuwige zaligheid geopend. Vergun mij ook, dat ik U in het heilig Sacrament met een godsdienstig hart mag aanbidden , in U gelooven, op Uhopen, en U beminnen in alle eeuwen. Amen.
5. Onder het werk moet men dikwijls denken , hoe Christus drie- en- dertig jaren lang hier op deze wereld in hitte, koude, honger, dorst, vervolging en benauwdheid heeft willen leven, en zeggen :
O Heer Jesus Christus die den
h.
LIJDEN VAN CHRISTUS. 347 schoot van uwen hemelschen Vader verlaten hebt, en in deze wereld gekomen zijt om in hitte, koude, honger, dorst, vervolging en benauwdheid , het verloren schaap te zoeken : sta mij bij, opdat ik mijn werk mag beginnen tot uwe hoogste eer en uwen roem, en tot zaligheid mijner ziel. Amen.
6. Als men aan tafel gaai, moet men denken , hoe de Heer der Heeren , de Koning der Koningen, naakt en bloot, in de grootste verlatenheid aan den boom des kruües hangende . met gal en edik gelaafd is , en zeggen:
O Heer Jesus Christus, die alles wat leven ontvangen heeft uit milde genade spijst: hoe zijt Gij alzoo op deze wereld verlaten geweest, dat Gij in uwen uitersten nood niet eenen enkelen druppel water tot lafenis hebt mogen genieten, maar met bittere gal en edik zijt gelaafd geworden? Verzadig mijne dorstige
| â
ï, i
348 GEBEDEN OP HET ziel met den dauw uwer genade, en behoed mij voor alle overdaad in spijs en drank. Amen.
7. Als men slapen gaat, lean men denken hoe Christus zijnen geest in de handen zijns hemelse//en Vaders beval, nadat hij drie uren lang aan het kruis gehangen had, koe hij is gestorven en hegracen, en zeggen:
O eeuwig Woord des Vaders! Gij hebt gedurende drie uren met uitgerekte armen,in de gruwzaamste pijnen en smarten, aan het kruis gehangen, om mij, arme zondaar, in uwe gezegende armen te ontvangen : en toen Gij den dood voeldet naken en alles volbracht hadt wat vanll voorzegd was, hebt Gij uwen geest in de handen uws hemelschen Vaders bevolen. Neem, bid ik ü, mijne ziel ook in uwe gezegende handen, als zij uit dit leven scheiden zal, en laat mijne laatste woorden zijn: Jesus, Maria, Josef! in
LIJDEN VAN CHRISTUS. 349 uwe handen beveel ik mijnen geest.
8. Ah gij in het bed treedt, gedenk hoe de vier heilige mannen het doode Lichaam van Christus, van het kruis afgenomen, in eenen fijnen linnen doek gewonden, en in een nieuw steenen graf gelegd hebben, en zeg dan:
O mijn Jesns! door uwe heilige begravingen de bittere tranen van uwe bedroefde Moeder, ook door den heiligeo lijkdoek, waarin uw heilig lichaam gewonden is geweest , hetwelk met uw heilig bloed geverfd is, bestuur mijnen slaap, en keer van mij alle booze bekoring des duivels; begraaf mij in uwe heilige vijf wonden, opdat ik gerust mag slapen. In uwe handen beveel ik mijnen geest.
9. Overdag, als mende trappen opklimt, kun men denken, hoe Christus met zijn heilig kruis den berg van Calvarië smartvol opgeklommen is, en zeggen:
350 GEBEDEN OP HET
OHeerJesus Christus! door de pijn die Gij geleden hebt, toen Gij met den boom des kmises, door de Joden op den berg van Calvarië getrokken zijt; door het bloed, waarmede Gij uwe voetstappen ge-teekend hebt; door uwe zuchten onder het kruis, en het medelijden van uwe gezegende Moeder, dat zij in haar moederlijk hart gevoelde,
toen zij U op dezen smartvollen en bedroefden weg ontmoette : sta mij bij en help mij mijn kruis tot uwe eer met geduld dragen, opdat ik daaronder niet bezwijke. Amen.
10. Ah men de trappen afklimt, kan men zich voordellen, hoe Christus ons allen zal 'komen oordeelen, en zeggen ;
O rechtvaardige Rechter, Jesus heii Christus! die de levenden en doo-den zult komen oordeelen, en die de wereld door het vuur zult laten vergaan : laat mij hier alzoo wan-
LIJDEN VAN CHRISTUS. 351 delen, dat ik in eeuwigheid niets behoef te vreezen. Amen.
11. Als ons eenige zwarigheid overkomt, moet men denken, hoe Christus van Pilatus is ter dood verwezen, en dan zeggen:
0 geduldigeHeerJesus Christus, o zachtmoedig Lam Gods! door het onrechtvaardige oordeel dat de rechters over U uitgesproken hebben, verlos mijne ziel uit alle benauwdheid, en geef mij geduld in al mijuen tegenspoed. Amen.
12. Als men eenig vermaak of vreugde geniet , dan denk aan de hemehche eer, en zeg :
Allerzoetste Jesus! door uweeeu-wige eer en alle oneindige vreugde, die de uitverkorenen in de eeuwigheid met U genieten zullen : verleen mij deze tijdelijke genoegens alzoo te gebruiken, dat ik de eeuwige niet verlieze. Amen.
352 GEBEDEN OP HET LIJDEN, ENZ.
13. Als men ter kerke gaat, bedenke men dat Christus, toen hij twaalf jaren oud was, in den tempel leerde.
O eeuwige wijsheid, Jesus Christus! die vau uwe lieve Ouders in den tempel gevonden zijt, in het midden der leeraren : geef mij het verstand, om te begrijpen, al het-gene tot mijner ziele zaligheid, en ter vermeerdering uwer eer, noo-dig is. Amen.
14. Als men over het kerkhof gaat.
O Heer Jesus Christus! verleen aan al de overledene christelijke geloovigen de eeuwige rust, door al uwe pijnen en smart.
15. Als men voorbij eene kerk gaat.
Ik aanbid ü, verborgene Godheid, die onderdenschijn van brood hier waarachtig tegenwoordig zij t: ik offer U mijne ziel, lichaam en alles wat ik heb; ik geloof in U
GEBEDEN VAN DE H. BEIGITTA, 353 o eeuwige wijsheid; ik hoop in U, o eeuwige getrouwheid; ik bemiii U, o eeuwige goedheid. Ameu.
VIJFTIEN GEBEDEN VAN DE
H. BRIGITTA.
Het T. Gebed.
ó Heer Jesus Christus! eeuwige zoetheid dergenen die U bemiuuen; vreugde die alle blijdschap en elk verlangen te boven gaat; zaligheid en liefhebber der zondaren die leedwezen hebben; die zelve getuigd hebt, dat het uw wellust is met de kinderen der menschen te v erkeeren; m ensch geworden zij ude op het einde der tijden: gedenk alle zorgen en de innige droefheid, die Gij vao het begin uwer aanneming van de menschelijke natuur verdragen hebt, vooral ten tijde van uw allerbitterst lij den, dat Gij in uw
23
354 VIJFTIEN GEBEDEN goddelijk hart van eeuwigheid af hadt voorbeschikt: gedenkde droefheid en bitterheid, die Gij, volgens uwe eigene getuigenis, in uwe ziel hebt geleden,toen Gij zeidet: mijne ziel is bedroefd tot den dood toe-, ook
toen Gij in het laatste avondmaal uw heilig Lichaam en Bloed aan uwe Leerlingen gegeven hebt, hunne voeten gewasschen enhen liefderijk troostende, bun uw aanstaande lijden hebt voorspeld. Gedenk de ontroering, angst en pijn, die Gij, voor uw lijden des kruises, in uw teeder lichaam hebt ondervonden, toen Gij, na driemaal bidden en bloedig zweeten, van uwe eigene Leerlingen overgeleverd, van uw bemind volk gevangen, van valsche getuigen belicht, van drie rechters onrechtvaardig veroordeeld, in de uitverkorene stad, op Paschen, in de bloeiende jeugd uws levens, onschuldig werdt verwezen, over-
(i gt;,
1 %
ï. ; ,11
hl
VAN DE H. BEIGITTA. 355 geleverd,bespogea, vao uwe kleederen beroofd, met vreemde kleederen gekleed, mishandeld, met toegebonden oogen en in uw aangezicht met vuistslagen geslagen, gegeeseld, met doornen gekroond, met een riet op het hoofd geslagen, en met ontelbare andere verguizingen overladen werdt. O allerzoetste Jesus! door de gedachtenis aan deze pijnen en smarten, wil mij toch verleenen, nu en bij mijnen dood, een waarachtig berouw over mijne zonden, eene oprechte biecht, behoorlijke voldoening en volle kwijtschelding van al mijne zonden. Am.
Wees gegroet, allerzoetste en goedertierens te Heer Jesus C h ristus, en ontferm U over ons, zondaars. Am.
Onze Vader, Wees gegroet,enz.
Het II. Gebed.
6 Jesus Christus! waarachtige rijkdom der engelen en paradijs
356 YIJFTIEN GEBEDEN der wellusten! gedenk den schrik en de gruwelen, die Gij verdroegt, toen uwe vijanden als bloeddorstige tijgers ü omringden, U be-spogen, sloegen, krabden, en andere ongehoorde pijnen aandeden. Door al de smadelijke woorden, harde slagen en pijnigingen, die U, Heer Jesus Christus, uwe vijanden hebben aangedaan, bid ik U, dat Gij mij wilt verlossen van al mijne vijanden, zichtbare en onzichtbare; dat Gij mij vergunnen wilt, ouder de schaduw uwer vleugelen de zoete rust der eeuwige zaligheid te mogen vinden.
Wees gegroet, allerzoetste en allerschoonste Heer Jesus Christus, ontferm U over ons, zondaars. Am.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Het III. Gebed.
ó Heer Jesus Christus I Bouwmeester en Schepper der wereld,
Jli
IMM
,1 *:
li
VAN DE H. BRIGrITTA. 357 die met geene maat noch palen kan gemeten worden; die hemel en aarde in uwe hand bevat: gedenk de bittere pijnen die Gij verdroegt, toen men uwe allerheiligste handen eerst met nagelen aan het kruis gehecht heeft, en men daarna overgaande om uwe voeten te doorwonden, en Gij niet naar hunnen wil hingt, men uwe wonden pijn boven pijn heeft aangedaan, en menUzoo ongenadig heeft heen en weer getrokken en uitgerekt, in de lengte en breedte deskrnises, dat al de zenuwen uwer ledematen vertrokken werden. Ik bid U, Heer Jesus Christus, door de gedachtenis aan deze allerhevigste en bitterste pij nen aan het kruis, dat Gij mij uwe vrees en liefde wilt verleenen. Amen.
W ees gegroet, al lerzoetste en goe-dertierenste Heer Jesus Christus, en ontferm U over ons, arme zondaars.
OnzeVader, Wees gegroet, enz.
358 VIJFTIEN GEBEDEN
Het IV Gebed.
ö Heer Jesus Christus, hemelsche Geneesheer! gedenk de kwalen, pijnen en smarten, die Gij, op den hoo-gen stam deskruises verheven zijnde, hebt verdragen aan al uwe allerheiligste doorscheurde leden , zoodanig dat ergeene pijn te vinden is, die bij uwe pijn kan vergeleken worden; want vanhetonderste uwer voeten tot den top uws hoofds was inUgeene gezondheid. En alsdan alle pijnen vergetende, hebt Gij den Vader voor uwe vijanden liefderijk gebeden, zeggende : Vader! vergeef het hun, want zij voeten niet wat zij doen. Door deze uwe wonderlijke liefde en barmhartigheid, en om de gedachtenis aan deze uwe zoo groote pijnen, vergun dat deze gedachtenis aan uw allerbitterst lijden mij volkomene kwijtschelding aller zonden verwerve. Amen.
VAN DE H. BEIGrITTA. 359
Wees gegroet, allerzoetste en barmhartigste Heer Jesus Christus, en ontferm Uover ous zondaars. Am.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Het V Gebed.
ö Heer Jesns Christus , spiegel der eeuwige klaarheid! gedenk de droefheidwelke Gij gehad hebt, toen Gij in den spiegel uwer goddelijke Majesteit, het getal der uitverkoor-nenoverziende, diedoor deverdien-sten uws lijdeus zouden zalig worden , ook de verwerping der boo-zen en de menigte der verdoemden gezien hebt, die om hunneboosheid zouden verloren gaan. Door den afgrond uws medelij deus, dat Gij over de verlorene en verlatene zondaars toondet, en door het allerzoetste woord, dat Gij den moordenaar aan het kruis hebt laten hooren, zeggende : heden zult gij met mij wezen in het Paradijs, bid ik U, goedertierene
ill
360 VIJFTIEN GEBEDEN Jesus, dat Gij mij barmhartig wilt zijn iu het uur mijns doods. Amen.
Wees gegroet, allerzoetste en ho-nigvloeiende Heer Jesus Christus, en oiitferaiUover ons, zondaars. Ara. Oaze Vader, Wees gegroet, enz.
Het VI Gebed.
ó Heer Jesus Christus, liefelijke Koning en aangename Vriend! gedenk de smarten welke Gij hadt, toen Gij naakten ellendig aan het kruis gehangen hebt; toen uwe vrienden en bekenden van verre stonden, en Gij geenen troost vondt, dan alleen bij uwe beminde Moeder, dieU in nwen uitersten nood trouwhartig bijstaande, en medelijden hebbende. Gij uwen Apostel hebt aanbevolen, zeggende: Vrouw, zit uwen zoon; en tot den Apostel : zie uwe Moeder. Ik bid U , goeder-tierenste Jesus, door het zwaard des lijdens, dat toen uwe ziel doordrong, dat Gij mij wilt te
JÃ
II
I
i S 'i lil 1
i
.1J
Sil
VAN DE H. BEIGITTA. 361 hulp komen in alle lichaamelijke en geestelijke moeielijkheden : en verleen mij troost, blijdschap en bijstand ten allen tijde in mijne kwelling en benauwdheid. Amen.
Weesgegroet, allerzoetste en aangenaamste Heer Jesus Christus, en ontfermUover ons, zondaars. Am.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Het VII Gebed.
o Heer Jesus Christus! altijd vloeiende bron van genade, die aan het kruis uit oprechte genegenheid en liefde gezegd hebt : ik heb dorst, te weten naar de zaligheid van het menschel ijk geslacht: ontsteek toch onze begeerte tot alle goede werken, en wil in ons geheel stillen en uit-blusscheu den dorst der vleesche-lijke begeerten , en den brand der wereldscheliefde en wellusten. Am.
Wees gegroet, allerzoetste en allerliefste Heer Jesus Christus, en ontfermUover ons, zondaars. Amen.
:
362 VIJFTIEN GEBEDEN
Onze Vader, Wees gegroet,enz. Het VIII Gebed.
ó Heer Jesus Christus, zoetheid des harteu en grootste genoegen der zielen! door de bitterheid des azijns en dergal,welkeGij voor ons aan het kruis gesmaakt hebt: vergun ons, ellendige zondaars, dat wij uw lichaam en bloed ten allen tijde, en vooral in het uur onzes doods, waardig mogen ontvangen, tot genezing en troost onzer ziel. Amen.
Wees gegroet, o allerzoetste en zachtmoedigste Heer Jesus Christus , en ontferm U over ons, zondaars. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Het IX. Gebed.
ó Heer Jesus Christus, koninklijke kracht en vreugde des harten! gedenk de benauwdheid en pijn
I
|
lii'
welke Gij geleden hebt, toen Gij, d om de bitterheid des doods, en
VAN DE H. BEIGTTTA. 363 om de bitterheid der Joden, luide riept dat Gij van God den Vader verlaten waart, zeggende , mijn God! mijn God! waarom hebt Gij mij verlaten. Door deze benauwdheid bid ik U, o allerzoetste Jesus, en verzoek U, o Heer mijn God! dat Gij in de benauwdheid des doods van mij niet afgaat. Amen.
Wees gegroet, allerzoetste en lijdzaamste Heer Jesus Christus, en ontferm U over ons, zondaars. Am.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Hei X. Gebed.
ó Heer Jesus Christus, begin en einde, eenheid en sterkte in alle gedeelten: gedenk dat Gij U zeiven om onzent wil, van het bovenste des hoofds tot het onderste der voeten, in eene zee van lijden gedompeld hebt.
Ik bid ü, goedertierene Jesus, door de wijdte, lengte en grootte uwer wonden, dat Gij mij wiltleeren
364 VIJFTIEN GEBEDEN in waarachtige liefde uwe geboden te bewaren en te volbrengen. Am.
Wees gegroet, allerzoetste en voorzienendste Heer Jesus, en ontferm U over ons, zondaars. Amen.
Onze ^ader. Wees gegroet, enz.
Het XI. Gebed.
ö Heer Jesus Christus, onuitput-bare bron der allerdiepste goedgunstigheid en barmhartigheid: ik bid U, door de diepte uwer wonden, die uw vleesch, het merg uwer beenderen en het binnenste uws lichaams doordrongen, dat Gij mij, uwen dienaar, in zonden bedolven, daaruit wilt trekken en in de gaten uwer wonden voor het aanschijn uwer gramschap verbergen, tot dat uwe verbolgenheid voorbij gaat. Amen.
Wees gegroet, allerzoetste en allermachtigste Heer Jesus Christus, en ontferm U over ons, zondaars. Amen.
ill
p â f
it lii!.
Ill I
VAN DE H. BEIGrITTA. 365 Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Het XII. Gebed.
ö Heer Jesus Christus, spiegel der waarheid, zegel der eendracht en band der liefde ! gedenk uwe ontelbare wonden, die U van het bovenste des hoofds tot het onderste der voeten doorwond hebben, die van de booze beulen doorscheurd en met uw heilig bloed geverfd zijn, en al die groote pijnen welke Gij in uw maagdelijk lichaam voor ons, ondankbare zondaars, hebt verdragen. Goedertieren Jesus ! wat hadt Gij nog meer kunnen doen, hetgene Gij niet gedaan hebt? Grif toch al uwe wonden in mijn hart niet uw dierbaar bloed, opdat ik daar in uwe pijnen en liefde mag wezen, en dat de gedachtenis derzelve altijd in het ver-borgenste mijns harten blijve; dat ook de pijn uws lijdens in mij dagelijks vernieuwden mijne liefde
366 VIJFTIEN GEBEDEN tot U vermeerderd worde, en dat ik gestadig tot het einde mijns levens in dankbaarheid moge volharden, tot dat ik den hoogsten schat van alle goederen en blijd-schappen verkrijg, welken Gij mij vergunnen wilt. Heer Jesus Christus, mijn allerzoetste leven. Amen.
Wees gegroet, allerzoetste en minzaamste Heer Jesus Christus,en ontfermU over ons, zondaars. Am.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
f Ãlïl
Het XIII. Gebed.
j Sfi f '1
111
llii ïl'i gt;
O Heer Jesus Christus, allersterkste, onsterfelijke en onver-winbare Koning! gedenk de benauwdheid en pijnen welke Gij geleden hebt, toen U al de krachten des lichaams en des harten begeven hadden, en Gij met gebogen hoofde zeidet: het is volbracht. Door die benauwdheid en pijnen, ontferm U mijner op het einde myns
VAN DE H. BRIGITTA. 367
at levens, als mij ne ziel beangst en mij n
as geest ontsteld zal zijn. Amen.
)1- Weesgegroet, allerzoetste en al-
3n leredelste Heer Jesus Christus, en
d- ontferm U over ons, zondaars. Am.
lij OnzeVader, Wees gegroet, enz.
S- Het XIV. Gebed.
n. o Heer Jesus Christus, eenigge-
boren Zoon des hoogsten Vaders! m het schijnsel en afbeeldsel zijns well. zens; gedenk de hartelijke woorden z. waarmede Gij uwen geest aan den
Vader bevolen hebt, zeggende:
Vader! in mee handen beveel ik mij-
r- nen geest: toen Gij, uw Lichaam
p- doorwond zijnde en de binnenste
e- schatkamer uwer barmhartigheid
ij openende, gestorven zijt om ons
sn te verlossen. Door d ezen uwen dier-
e- baren dood, bid ik U, Heer Jesus
)n Christus, Koning der Heiligen I
)r versterk mij, om denMuivel, de
t- wereld en het vleesch te weder-
is staan, opdat ik deze en mijzelven
368 VIJFTIEN GEBEDEN afgestorven, in U alleen moge leven. Wil in het uiterste uur des verscheidens mijne ziel, mijnen geest, die balling en vreemdeling is, tot U wederkeerende, vriendelijk ontvangen.
Wees gegroet, allerzoetste en klaarschijnende Heer Jesns Chris-sus, en ontferm U over ons, zondaars. Amen.
Onze Vader, WTeesgegroet, enz.
Het XV. Gebed.
Heer Jesus Christus,waarachtige en vruchtbare wijngaard! gedenk de overvloedige uitstorting uws bloeds, dat Gij uit uw lichaam, als eene uitgeperste wijudruif, in groote menigte vergoten hebt, zoo dat niet het minste druppeltje in U gebleven is, toen Gij aan het kruis de wijnpers alleen getreden hebt, en ons uit uwe heilige zijde, die door de speer des krijgsmans doorstoken was, bloed en water geschonken
li
:n :
Ãllï I,, j
\u ,
in
n- j, H'v â
VAN DE H. BEIGITTA. 369 ige hebt. Door dit uw allerbitterst lij-les den en het vergieten uws dierbaren len bloeds,bid ikU, allerzoetste Heer ng Jesus Christus, dat Gij in mijnen le- doodstrijd mijne ziel tot U wilt nemen. Eü terwijl ik leef, doorwond en mijn hart met uwe liefde, opdat de is- tranen van leedwezen en liefde m- mijn brood dag en nacht mogen weken. Trek mij geheel tot U, op-uz. dat mijn hart altijd uwe woonplaats, en het einde mijns levens zoo zalig ige moge wezen, dat ik na dit leven nk U in eeuwigheid mag loven en ge-ws nieten, in al uwe heiligheid. Amen. m, Wees gegroet, allerzoetste en in roemwaardigste Heer Jesus Chris* K)o tus , en ontferm U over ons zon-
i U daars. Amen. Onze Vader, enz. i ^0
en volgende gebed moet men na deze
)Or gebeden lezen, als zijnde het zegel
^ dezer gebeden.
;en Heer Jesus Christus! Zoon des
ai
370 GEBEDEN VAN DE H. BEIGITTA. levenden Gods! verwaardigU mijne gebeden te ontvangen en te ver-hooren, in uwe hooge en verhevene liefde, waarmede Gij, om het menschelijk geslacht zalig te maken, naar den wil des Vaders, al de wonden in uw allerheiligste lichaam hebt ontvangen. Ontferm U over mij en over mijne ouders, maagschap, weldoeners, vrienden en vijanden. Ontferm U, Heer Jesus Christus, over onze opperpriesters , die Gij tot oversten van uwe heilige Kerk hebt willen stellen; ook over alle prelaten, koningen en vorsten, en allen die het christelijk geloof lief hebben, zoo levenden als dooden. Geef hun barmhartigheid, genade, vergiffenis van alle zonden, en het eeuwige leven. Amen.
ÃUR1AS ZALIGHEID Ei\ BARMHARTIGHEID,
waarop Jesus Christus voor ons gestorven is.
Het is zeer te beklagen, dat de Christenen zoo ongelukkig dit uur van zaligheid en harmhartigheid vergeten, waarop Christus voor hen eenen zoo schandelijken en pijnlijken dood ondergaan heeft, en zulks uit zuivere en onuitsprekelijke liefde. De duivelen zelfs hebben somtijds door den mond van bezetenen op dit uur geroepen, dat het dit uur is, waarop de Allerhoogste voor den mensch gestorven is, en dat zij blijde zijn, omdat de menschen zoo weinig op dit uur denken; dat zij hun dat verwijten zullen in den dag des oordeels , en dat zij trachten de gedachtenis van dit uur uit hun geheugen te nemen.
372 UUR VAN ZALIGHEID
Welk eene schande voor eenen Christen, dat hij dit uur van genade en barmhartigheid vergeet, en hierdoor aan den duivel gelegenheid geeft daarover roem te dragen. Anders hebben verscheidene Heiligen gehandeld, die eene bijzondere godsvrucht hadden tot deze drie uren, op welke Christus levende aan het kruis gehangen heeft, en als eene verzoenende offerande in de allergrootste pijnen en verlatenheid, de misdadige wereld mt't zijnen vergramden Vader heeft verzoend, voor ons lijdende en biddende, opdat wij zouden leven. Op die uren zochten zij de eenzaamheid zoo veel zij konden (gelijk wij ook behooren te doen), om de pijnen , de liefde en den dood van hunnen stervenden God in eenzaamheid te gedenken. De aarde beefde, de steenrotsen scheurden, en alles was ontsteld en beroerd op dit uur, als
EN BARMHARTIGHEID. 373 en God voor den mensch, en de Schepje- per yoor zijn schepsel stierf. Alle ;t, harten moesten nog dagelijks op dit le- uur van genade en verzoening ge-â¢a- roerd worden; de harten derzonda-ne ren door schrik en vrees, en door ij- eene ware droefheid overhurmezon-bOt den en boosheden, bedenkende dat ns op dit uur God voor hen gestorven en is; de harten der rechtvaardigen, ?r- door liefde, schaamte, dankbaar-en heid, verwondering, aanbiddingen 'ld andere heilige bewegingen des har-i'ft ten. Alle Christenen behoorden op d- dit uur, zoo veel zij kunnen, stil te )p zijn, de eenzaamheid te zoeken, op sid hunne knieën te vallen Ja plat ter jk aarde te liggen: de zondaars roepen-ai , deomgenadeen barmhartigheid, de en rechtvaardigen in dankbaarheid en te liefde uitbarstende. Welk een over-de vloed van genade en weldaden zou-as den wij hierdoor bekomen! Gelijk ils het aan Christus zeer behaagt, dat
I: -
374 UUR VAN ZALIGHEID wij zijn heilig lij den gedachtig zijn, engodvruchtigdaaraandenken,zoo zal het hem ten uiterste aangenaam, en ons zeer voordeeligzijn, dat wij met eene bijzondere dankbaarheid dit uur gedenken, op hetwelk hij voor ons gestorven is. Gewen u dan, Christus op dit uur daarvoor te bedanken; offer dan u zeiven aan hem op; kniel eerbiedig neder; vraag door zijnen dood het leven voor u, of voor de zondaars; onderhoud omstreeks drie uren eeuigen tijd de stilzwijgendheid; zeg of denk godvruchtig : nu hangt Jesus met groote pijnen aan het kruis, om mij zalig te maken; nu sterft Jesusaan het kruis voor ons : of lees met aandacht het navolgende:
GEBED
Getrokken uit de werken van den kardinaal Hosius.
O Jesus! o God van genade en
11 r i' â â ' f f
1 !
; ij 2
iff
i
EN BAEMHAETIGrHEID. 375 barmhartigheid! het is mij uit den grond mijns harten leed, dat ik tot nu toe zoo weinig gedacht heb op dit uur, op hetwelk Gij voor mij met zoo veel liefde gestorven zijt; ik heb dit uur zoo menigmaal laten voorbijgaan, zonder U voor dien dood en voor uwe liefde te danken. Het is mij leed; ik vraag ootmoedig vergiffenis, en hoop door de kracht uwer genade, dit gelukkige uur voortaan met meer dankbaarheid en wederliefde te overdenken. Ik hoop het. Heer Jesus, en vraag het van U voor mij en voor alle menschen, door de verdiensten van uwen heiligen dood.
Ik dank U, Heer Jesus, dat Gij op dit uur voor mij, ellendig en ondankbaar schepsel, zulk eenen schandelijken en pijnlijken dood geleden hebt; ik breng voor U de verdiensten van uw lijden, de verdiensten van uw kruis, de verdiensten van uwen
3 76 UUR VAN ZALIGHEID dood; want al zijt Gij mijqrechter, Gij zijt ook mij a Zaligmaker; ik wil anderszins met U niet in het recht treden; als stellende tnsschen U en mijnezondige ziel, uwe heilige verdiensten en verzoenenden dood.
Geef mij, o stervende Jesus, geef mij en alle menschen, door uwen heiligen en pijnlijken dood, aan de zonden en aan al wat buiten U is te sterven, om voortaan alleen voor U te leven.
o Heer Jesus! door uwen heiligen dood, geef toch op dit uur aan eenige zondaars het leven; doe hen barmhartigheid, omdat Gij voor alle zondaars op dit uur gestorven zijt.
Gekruiste Jesus! door uwen dood, bloed en heilige wonden, vergeef mij alle bekende en onbekende zonden.
ö Hemelsche Vader! Vader van barmhartigheid! ik offer U op uwen allerliefsten Zoon, hangende aan het kruis, geheel verwond, mismaakt.
â I
| Mi H tf
p Ml
m BARMHARTIGHEID. 377 doorboord met doornen en nagelen, en geheel bloedig stervende voor ons.Daarom, al is het dat mijne boosheid mij van U verstoot, zijne liefde roept mij weder en noodigt mij tot U; ja, hoe meer mijne misdaden mij verdrukken, bezwaren en vernederen , hoe meer zijne genade mij verheft, verheugt en vertroost; al onze hoop is, dat wij zijne broeders zijn, zijne lidmaten, ja zijn vleesch en beenderen, want hij is ons hoofd. Hij voldoet aan uwe rechtvaardigheid in alle gestrengheid en overvloedigheid, voor de zonden derge-heele wereld; hij bidt voor ons, hij weent voor ons; zijne ziel is voor ons tot den dood bedroefd; hij is in eenquot;uitersten doodstrijd, en ineene onbegrijpelijke verlatenheid voor ons; hij roept met luider stem voor ons, hij sterft uit liefde voor ons! Ontvang, o vader van genade! dit zijn goddelijk zoenoffer; hij is onze
o78 UUE VAN ZALIGHEID
borg, hij is ons rantsoen, hij is onze 5
middelaar, hij is ons leven ; hij is ^
hel Lam Gods, geheel onschuldig en j.ru
zonder vlek, dat wegneemt de zon- heb
den der wereld; het is het bloed, w|j
hetgeen wij U offeren, van eenen mai
God voor ons vergoten; het is de ^ei]
dood van eenen God, voor ons ge- ^ storven; het is God zelf, die uwe liefde ons heeft gegeven, met alle
schatten zijner genade en ver- 5
1 Hü -
Hl
U
diensten. Doe ons genade om hem, u
en door zijnen dood , geef ons het erl'{
leven. Amen. I0e]
Gebed op de vinding van het heilig Kruis.
0 God, die bij de doorluchtige ^
vinding van hetheilig kruis, de won- ^
derteekenen van uw lijden ver- Ya(
nieuwd hebt; verleen dat wij door goc
den prijs van het levendmakend geg
hout, het eeuwige leven bekomen; en]
die leeft en heerscht, in eeuwigheid. mjj
1
EN BAEMHAETIGrHEID. 379 ó Heer Jesus, die bij de doorluchtige vinding uws zaligmakeuden kruises, de wonderen van uw lijden hebt vernieuwd : verleen ons dat wij door de waarde van het levendmakende hout, het loon des eeuwigen levens verwerven; die leeft en heerscht, in eeuwigheid. Amen.
Gebed tot den stervenden Jesus.
ö Jesus, omijn Zaligmaker! ik bid U , om uwe gebondene handen , en aan de zijde van Pilatus staande, toen hij heeft geroepen: aanziet den meusch! wees mij, arme zondaar , genadig, eu ook N.N.; ik bid U, o lijdende Jesus! neem ons in uwe gebondene handeu van genade, en draag ons op aan uwen hemelschen Vader. O Vader! ik bid U,om uwen Zoon, dien Gij als middelaar hebt gesteld tusschenUen ons : wees mij enN.N. genadig; ik bidU, mijn God, mijn Al en mijn eeuwig Goed! ont-
880 UUR VAN ZALIGHEID ferm U onzer, nu en als wij zullen sterven. Amen.
Ga uit, gij dochter van Sion, en aanschouw den koning Salomon, en de kroon waarmede hem zijne moeder gekroond heeft in de dagen zijner bruiloft, en in de dagen der blijdschap zijns harten. Canticorum. cap. 3. V. 11.
Zij hebben eene doornen kroon gevlochten en hem die opgezet, en begonnen hem te groeten, zeggende : wees gegroet, Koning der Joden. Mare. 15. v. 17.
O minzame Jesus! laat de brandende honigzoete kracht van uwe heilige wondenen goddelijke liefde, mijn hart en ziel reinigen, en alle genegenheden en liefde der schepselen verslinden, opdat ik ter liefde van U mag leven, lijden en eindelijk sterven, die uit liefde tot mij geleefd en geleden hebt, en eindelijk gestorven zijt. Amen.
EN BARMHAETIGrHEID. 381 Voorbeeld van den ram van Abraham.
en
jne
^en Ier
Abraham heeft eenen ram gezien , hangende tusschen de doornen, dien hij
daarna opgeofferd heeft. Gen. 21. V.
12.
Gebed.
im. 0 doornen,behagelijker dan alle rozen, kostelijker dan diamanten, )on die verheven zijn door het heilige en waardige hoofd van dien grooten en- Koning der koningen en Heer der Ier heeren: wie zal mij deelachtig maken aan uw geluk? Ach, mocht ik u in- niet alleen in mijn hoofd,gelijk de we H. Catharina van Siëna, maar in de, het diepste mijns harten drukken! ,11e Nu voortaan zal ik al de smar-3p- ten des hoofds : zorgen, pijnen, fde kwellingen en moeielijkheden, van ie- welken aard ook, voor weldaden nij en genade ontvangen, ter liefde van in- mijnen Zaligmaker; want het betaamt niet, dat, als het hoofd met
382 UUR VAN ZALIGHEID doornen gekroond is, een lidmaat zonder lijden, veel minder ongeduldig zoude zijn. Amen.
Pilatns zegt hun : aanziet den mensch; zij riepen : kruist hem, kruist hem! Joaun. 19 v. 6.
Voorbeeld van Job.
De spiegel der geduldigheid, Job tvas van het hoofd, tot de voeten vol zweer en; daarbij werd. hij van zijne huisvrouw gelasterd. Job. 2.
Gebed.
Ziedaar is de God-mensch, de Schepper der menschen, zoo on-menschelijk mishandeld van de menschen! Uw droevig stilzwijgen, zoetste Jesus, klinkt in mijne ooren en vraagt mij: o mensch! wat heb ik u ooit misdaan ? of waarmede heh ik u ooit bedroefd? antwoordt mij; ikhebumet genade gekroond, ik heb uwe handen met weldaden gevuld, aan uwe ziel en lichaam
EN BAEMHARTIGHETD. 383 het leven bewaard, en gij hebt mijn hoofd met doornen doorstoken, mijne handen met een spotriet ont-eerd, mijn lichaam doorwond, mijne ziel benauwd; en wilt gij nog meer zondigen '? datis, wilt gij nog roepen: kruist hem.kruist hem?
Tot nog toe heb ik U, o lieiste God, zoo dikwijls bedroefd! Ach, mijne oogen vloeien van tranen; hart en ziel smelten van berouw, datik de goedheid Gods zoo dikwijls vergramd heb. Nu niet meer, o Heer! nu niet meer! Amen.
Zijn kruis dragende, is hij uitgegaan naar de plaats die Kalvarië genoemd wordt. Joan. 19. v. 17.
Voorbeeld van Izaak.
De gehoorzame Izaak draagt het hout op zijne schouderen, op hetwelk hij zoude opgeofferd worden. Gen. 22.
v. 5.
I
iiiii
il i li
I lil
i i
;i I
vi
'SI 1
384 UUR VAN ZALIGHEID GEBED.
O hemelsche Vader! indien uw eenige Zoon, mijn God, zoo gewillig en vaardig het zware kruis gedragen heeft om U gehoorzaam te wezen; hoe zoude ik het kleine kruis, dat U behaagde mij op te leggen, van mijnen hals durven schudden en uwen heiligen wil tegen staan?
Ik voeg en onderwerp mij Heer, aan uwe goddelijke Majesteit, om alles te dragen en alles te lijden wat U belieft: ik eer, ik bemin, ik omhels uwen wil, boven alle geschapene zaken, en het lijden dat mij van uwe heilige handen toegezonden wordt, acht ik boven alle wellusten en vreugden der wereld ; laat mij in dezen wil leven en sterven , door de kracht des heiligen kruises van uwen Zoon Jesus Christus. Amen.
Gebed.
Luister naar mijn gebed, o Heer
lil
en barmhartigheid. 385 mijn God, en dat uwe barmhartigheid mijne begeerte wil verhooren. Wees mij genadig, Heer, en verhoor mij, daar ik uwen goddelijken wil volbrengen wil; ik begeer noch goud, noch zilver, noch kostelijke gesteenten, noch prachtig huisraad, noch eer, noch aaozien, noch zinnelijke wellusten; geef mij niets dan het noodzakelijke tot onderhoud van dit vergankelijke leven, hetwelk oqs volgens uwe beloften moet toegeworpen worden, als wij U en uwe rechtvaardigheid boven alles zoeken. Zie, o Heer! waaruit mijne begeerte alleen voortkomt; aanzie, o almachtige Vader! overdenk ze en keur ze goed; maak , door uwe barmhartigheid, dat ik genade vinde in uwe tegenwoordigheid. Ik bid U, door Jesus Christus, uwen Zoon, den Man uwer rechterhand, en den Zoon des men-schen, dien Gij als middelaar tus-
.
25
386 UUE VAN ZALIGHEID, ENZ. schenUen ons gesteld hebt, endoor WienGij ons gezocht hebt, als wij U nog niet zochten, en ons gezocht hebt, opdat wij U zouden zoeken: ik bidU, door uw eeuwig Woord, door hetwelk Gij alle dingen en dus ook mij geschapen hebt: ik bid uwen eenigen Zoon, door Wien Gij alle geloovigen tot de kennis van U geroepen, en hen als uwe kinderen hebt aangenomen, onder welk getal Gij mij ook gelieft te stellen; en ik bid U, door Hem die zit aan de rechterhand van uwen hemelschen Vader, die zonder ophouden voor ons bidt, en in Wien alle schatten van wijsheid en wetenschap verborgen zijn; om Hem bid ik U, ohemeische Vader, wees mij barmhartig, en zie mijne ziel aan. O Heer, mijn God! die het licht zijt der blinden, en de kracht der kranken. Amen.
ONZE VADER,
ter eere van liet heilige Uart vau oiuen Heer JESUS CHRISTUS.
Bestaande uit vijf qroote en uit drie-en- dertig kleine parels. In plaats van het Geloof, zeqt men het volnende Gebed :
Ziel van Christus, heilig mij.
Hart van Christus, ontsteek mij.
Lichaam van Christus, maak mij zalig. Bloed van Christus, verheug mij.
Lijden van Christus, versterk mij.
Moeder van Christus, bid voor mij. O goede Jesus ! verhoor mij.
Binnen in uwe wonden, verberg mij. Gedoog niet dat ik van U gescheiden worde. Voor den boozen vijand, bescherm mij. In het uur des doods, roep mij.
Doe mij komen tot U.
Opdat ik U love met uwe Heiligen,
In de eeuwen der eeuwen.
Amen.
388 ONZE VADER.
Voor iedere groote parel leest men het volgende gebed :
Allerzoetste Jesus ! maak mij a hart gelijkvormig aan uw hart.
Aan iedere groote parel zegt men :
Wij aanbidden U, Christus, die in den hof de allerbedroefdste zijt geweest, en in het heiiige Sacrament van de goddeloozen nog veracht wordt. Want Gij zijt alleen heilig; Gij zijt alleen de Allerhoogste, Jesus Christus.
Aan iedere kleine parel zeqt men :
Ik aanbid U, o allerheiligst hart van Christus; ontsteek mijn hart met de goddelijke liefde, die in U brandt.
Men bidt op het einde :
Onze Vader, Wees gegroet, en bet volgende:
ONZE VADER. 389
Gebed.
Heer Jesus Christus, die door iju een onuitsprekelijk wonder van liefde, en om de harten der men-schen geheel aan U te binden, uw allerheiligst lichaam tot spijs hebt lie willen geven : verhoor de gebeden ijt der smeekenden , en vergeef de â¢a- zonden uwer belijders, over welke ^r- Gij de genegenheden van uw aller-en zoetste hart uitstort. Sla goedgun-g- stig op hen de oogen uwer onuitsprekelijke barmhartigheid , opdat wij de goddelooze onteering, verachtingen, bespottingen en hei-irt ligschendingen, U door ondankbare irt menschen in alle deelen der wereld U aangedaan, uit ganscher harte vervloeken en beweenen, ü een oprechte dienst in dit heilige geheim bewijzende, met de genegenheden en van uw allerheiligst hart vervuld worden, en met waardigen lof de
390 LITANIE VAN
genegenheden van dit goddelijk hart in eeuwigheid mogen verheffen : die leeft en heerscht, met den Vader en den heiligen Geest, in alle eeuwigheid. Amen.
IITA5IR VOOR HES ZONDAG.
VAN DEN HEILIGEN JOSEF,
Bruidegom van de
Allerheiligste Maagd Maria.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontferm U onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld , ontferm U onzer.
God, heilige Geest, ontf. U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U onzer.
i
DEN H. JOSEF. 391
Heilige Maria, bid voor ons. Heilige Moeder Gods,
Heilige Maagd der maagden, Moeder van Jesus,
Josefs bruid.
Heilige Josef,
Bruidegom van Maria, Voedsterheer van Jesus, Man naar Gods hart,
Getrouwe en wijze dienaar, Bewaarder der zuiverheid van tö Maria, ^
Hulp van Maria, ^
Gezelschap en troost van Maria, § Die overgroote genade ontvan- g
gen hebt door Maria, Allerzuiverste in maagdelijkheid,
Allerdiepste in ootmoedigheid. Allervurigste in liefde, Allerhoogste in bespiegeling, Die, volgens de getuigenis van den heiligen Geest zeiven, een rechtvaardig man zijt,
392 LITANIE VAN
Die van het heilige geheim der Di menschwording des Woords uit den hemel zijt onderricht, bid voor ons.
Die met Maria, uwe getrouwe Di huisvrouw, zwanger zijnde,
naar Bethlehem zijt gereisd, Die geene plaats in de herberg Ai vindende, in eenen stal zijt gaan vernachten, td
Die waardig zijt geweest bij Chris- ^ W tns te wezen, toen hij geboren lt;
en in eene kribbe gelegd werd, ^ M Die Christus, besneden zijnde, ©
Jesus hebt genoemd, S Oi
Die met Maria het kind Jesus in den tempel den Heer hebt Oi opgeofferd,
Die, door den engel vermaand, In met Jesus en zijne Moeder naar Egypte zijt gevlucht, In
Die na Herodes dood, met het Kind en zij ne Moeder, naar het land D( van Israël wedergekeerd zij t,
DEN H. JOSEF. 393 Die het kind Jesus, in Jeruzalem gebleven zijnde, met Maria, zijne moeder, met angst hebt gezocht, bid voor ons.
Die hem na drie dagen, zittende te midden der leeraren, met to blijdschap gevonden hebt, ^ Aan wien de Heer der Heeren o op dit aardrijk onderdanig is ° geweest, §
Wiens lof in het Evangelie ver- 5°
meld wordt.
Man van Maria, van wie Jesus
geboren is,
Onze voorspreker, hoor ons, heilige Josef.
Onze beschermer, verhoor ons,
heilige Josel',
In al onze benauwdheden, help
ons, heilige Josef,
In het uur des doods, help ons,
heilige Josef,
Door uwe eeuwige verkiezing, help ons, heilige Josef.
394 LITANIE VAN
Door uwe allerzuiverste trouw, help ons, heilige Josef.
Door al uwen arbeid en zweet, help ons, heilige Josef.
Door al uwe deugden, help ons, heilige Josef.
Door al uwe verdiensten, help ons, heilige Josef.
Door al uwe gelukzaligheid, help ons, heilige Josef.
Beschermer der kinderen; wij bidden u, verhoor ons.
Dat gij u wilt ge waardigen uwen ^ beminden Jesus om vergiffe
cr ol
Dat gij u wilt gewaardigen ons g-altijd aan uwe allerliefste 13 bruid te bevelen , 5
Dat gij alle maagden en onge- ^ trouwden uwe zuiverheid wilt 3-verwerven, o
Dat gij voor alle getrouwden een o onbevlekt bed en eene heilige p eendracht wilt verkrijgen,
nis onzer zonden te bidden,
'l*
DEN H. JOSEF. 395 Dat gij alle vaders van huisgezinnen in het christelijk opvoeden hunner kinderen wilt behulpzaam zijn, wij bidden u, verhoor ons. Datgij alle vergaderingen ,u met bijzondere gedienstigheid toe- ^ gedaan, gunstig wilt wezen, ^ Dat gij allen die op uwe hulp §: vertrouwen, altijd en overal p-wilt beschermen, f3
Dat gij alle geloovige zielen lt; door uwe gebeden wilt te g-hulp komen,
Bruidegom van Maria, Voedstervader van Jesus, Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons, Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, verhoor ons, Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zouden
der wereld, ontferm U onzer. Jesus Christus, hoor ons.
Jesus Christus, verhoor ons. Heer, ontferm U onzer.
O B
oc
cr
Iâ'â¢
Q-amp;
CD
P
a
N«
lt;1
CD
-S
P-
O
O
quot;S
O B
CQ
396 LITANIE VAN
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Onze Vader, enz.
v. En leid ons niet in bekoring. r. Maarverlos ons van den kwade, v. Bid voor ons, allerzaligste Josef. r. Opdat v/ij waardig worden der beloften van Christus.
GEBED TOT DEN H. JOSEF,
opgesteld door Z. H. Paus Leo XIII, in zijne Encycliek van 15 Aug. 1889.
Tot u, gelukzalige Josef, uemen wij onze toevlucht in onzen nood en na de hulp uwer allerheiligste Bruid te hebben ingeroepen, smeeken wij met vertrouwen ook uwe bescherming af. Door de liefde welke u aan de onbevlekte Maagd en Moeder Gods verbonden heeft en door die minne, waarmede gij het kind Jesus zoo vaderlijk verzorgd hebt, bidden wij u ootmoedig, dat gij op het erfdeel 'twelk Jesus-Christus door zijn bloed verworven heeft, goedgunstig nederziet, en onze noodwendigheden met uwe macht en uwen bijstand te hulp komt.
Bescherm, o allerzorgzaamste Bewaarder
DEN H. JOSEF. 397
der goddelijke Familie, het uitgelezen kroost van Jesus-Christus , verwijder van ons , liefderijkste Vader, alle besmetting van dwaalleer en zedebederf; sta ons genadig van uit den hemel bij in dezen strijd met de macht der duisternissen, gij, onze allersterkste Behoeder; en gelijk gij eertijds het Kind Jesus uit het arootste levensgevaar gered hebt, zoo verdedig thans Gods heilige Kerk tegen de vijandelijke hinderlagen en allen rampspoed: bescherm een ieder onzer met uwen voortdurenden bijstatd, opdat wij naar uw voorbeeld en door uwe hulp gesteund, heilig leven, godvruchtig afsterven, en de eeuwigdurende gelukzaligheid in den hemel verwerven mogen. Amen.
Concordat cum originali t F. A. H. BOERMANS.
Bisschop van Moermond.
Rür/emünd^:, 4 Sept. 1889.
»âc5}gt;_«
Litanie voor den Maandag.
VAN DEN H. STEPHANUS,
eerste Martelaar, beschermer der vervolgden.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontferm U onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer.
God, heilige Geest, Vertrooster, ontferm U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U onzer.
Heilige Stephanus, bid voor ons.
Heilige Stephanus, eerste diaken, bid voor ons.
Heilige Stephanus, eerste martelaar, bid voor ons.
LIT. VAN DEN H.STEPHANÃS. 399 Hpilige Stephanus, opperste der Martelaren, bid voor ons. Opperste der Apostelen in
de martelaarskroon,
Vuur der liefde Gods, Verbreider van den naam
des Heeren,
IJveraar voorden roem Gods, w Beschermer van Gods eer, tö a Licht der Joodsche dwaas- ^ M heid, §
Voorvechter vaa Christus ? ^ Kerk, o
nrj Minnaar der zuiverheid, w Overvloeiende vau hemel-
sche vertroostingen, Onverwiubaar in tegenspoed. Onvermoeid in den arbeid, Zweetende onder den last
der Joden,
Door wonderbare teekens voor en na uwen dood vermaard,
Verdrijver van alle ziekten,
400 LITANIE VAN
H. Stephanus, opwekker der doo-
den, bid voor ons. H. Stephanus, wiens lof is onder de Apostelen, H. Stephanus, wiens lof is onder de Leeraren, H. Stephanus, wiens lof is onder de Maagden,
Door al uwen arbeid en zweet, td Door al uwe deugden, ^
Door al uwe verdiensten, ^ Gij die den hemel hebt open- ^ gezien, §
Gij die voor uwe vijanden ge- p
beden hebt.
Gij die voor den raad der Joden als een engel verschenen zijt, Gij die vol van den heiligen
Geest zijt,
Wees ons genadig, hoor ons. Heer. Wees ons genadig, verhoor ons, Heer.
Wij zondaren, wij bidden U, verhoor ons, Heer.
DEN H. STEPHANUS. 401 Dat Gij den ijver van den heiligen Stephanusin ons wilt verwekken, wij bidden U, verhoor ons. Dat wij door brandende liefde
mogen ontstoken worden. Dat wij aan zijn lijden en zijne verdiensten mogen deelachtig ^ worden, J!?
Dat wij alle bekoringen en lis- ^ ten des vijands mogen overwinnen ,
Dat wij naar zijn voorbeeld allen arbeid en lijden uit liefde mogen verdragen. Dat wij naar zijn voorbeeld aan onze vijanden met een ongeveinsd hart mogen vergeven, Dat wij door het vuur der christelijke liefde mogen ontstoken worden,
Dat wij in de ware Kerk van Christus mogen volharden, Dat wij door het voorbidden van den H. Stephanus, altijd ia
o-
t) D
â lt;
CO
P4 O O I-S
O p
cc
402 LITANIE VAN
het licht des geloofs mogen wandelen, wij bidden U, verhoor ons. Dat alle ongeloovigen en ket-ters de duisternis der dwa-^S ling mogen verlaten , ^
Dat wij door de hemelsche ver- §: troostingen in tegenspoed p versterkt mogen worden, ^ Dat wij in het uur des doods, van ^ ieder verlaten zijnde, alleen ^ op U mogen vertrouwen, gquot; Dat wij door de voorspraak van ^ den H. Stephanustot de zalig- o heid mogen geraken, P
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons, Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, verhoor ons, Heer. Lam Gods, dat wegneemt dezonden
der wereld, ontferm U onzer. Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Heer, ontferm U onzer.
Onze Vader, enz.
den h. stephanus. 403 v. Bid voor ons, H. Stephanus. e. Opdat wij waardig worden der beloften van Christus.
Gebed.
ó Heer Jesus Christus, die door de verdiensten van uw allerbitterst lijden alle Martelaren genoegzame genade verleend hebt, om hun bloed te storten voor uwen heiligen naam: verleen ons genade: dat wij door de overvloedigheid hunner verdiensten en de voorspraak uws eersten martelaars Stephanus, zijne voetstappen mogen navolgen, en met een ongeveinsd hart hun mogen vergeven, die ons vervolgen: opdat wij eindelijk met hen tot de plaats der gelukzaligheid , in alle eeuwen mogen geraken. Amen.
-4ââ5-
404 LITANIE VAN
Gebeden tot de Heilige Drievuldigheid.
Om naar het voorbeeld van den heiligen Stepha-nvs de Christelijke liefde te betrachten.
Vader! vergeef het hun,
want zij weten niet wat zij doen.
v. En zij hebben gekozen Stephanas,
r. Een man vol van geloof en van den heiligen Geest. Actor. 6. v. 8.
Lofzang.
Sttjphaims! gij wildet leeren Het geheele Christendom;
Gij gingt als martelaar bekeeren. Het Heiden- en het Jodendom;
Vrij mag n de wereld prijzen: Uitverkoren Martelaar!
Jesus komt n eer bewijzen,
Reikt u de eerste kroone daar.
Gij , een van de klaarste lichten Van het gansche wereldrond,
Als we op u de oogen richten,
Zwijgt in ons de stem der zond';
Laat ons Gods toorn niet verwekken, Volgen steeds den weg der deugd;
Laat ons leven altijd strekken Tot Uods eer, die ons verheugt.
Onze Vader, enz. Onze Vader, enz. Onze Vader, enz.
DEN H. STEPHANUS. 405
v. De Heiligen zullen zich verheugen in den roem.
r. Zij zullen blijde zijn in hunne slaapkamer.
Gebed,,
O heilige Martelaar Stephanus , die in de goddelijke liefde ea belijdenis Gods zoodanig gesterkt en bevestigd zijt geworden, dat geene vleeschelijke vleierij, geene wreedheid der Joden, geene ij dele beloften ii van God hebben kunnen afkeeren : wees mijn bijstand in tegenspoed , opdat ik, naar uw voorbeeld, tegen alle aanvechtingen dapper strijde, de wereld en hare goederen verachte, en door geene bekoring overwonnen moge worden. Amen.
LITANIE VOOR DEN DINSDAG.
VAN DEN H. WILLEBRORDUS.
Beschermer van Nederland.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Jesus Christus, hoor ons.
Jesus Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontferm U onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer.
God, heilige Geest, ontf. U orizer.
Heilige Drievuldigheid, één God , ontferm U onzer.
Heilige Moeder Gods, bid voor ons.
Heilige Willebrordus, bid voor ons.
Heilige Willebrordus, wiens ontvangenis aan uwe moeder door eene voorzegging is geopenbaard . bid voor ons.
LIT. VAN DEN H. WILLEBROEDUS. 407 Heilige Willebrordus, die van God naar Nederland gezonden zijt, bid voor ons.
Bekeerder van Nederland, Die van uwe kindsche jaren af zeer godvruchtig zijt geweest,
Die nog zeer jong zijnde u 'S tot het kloosterlijk leven J hebt begeven, Cd
^ Die de wereld en hare ge- S fg noegens hebt verlaten, ^ ^ Die met waken, vasten en ^ .^p bidden God gediend hebt, o ^ Die uit ijver voor uwen even- S ® mensch, om dien tot het heilige christelijk geloof te brengen; tot ons gezonden zijt.
Die eerst medegezellen verzameld hebt, om ons het heilige christelijke geloof in te planten,
Die ons van den PausSergius
408 LITANIE VAN
als aartsbisschop zijt toegezonden, bid voor ons.
Heilige Willebrordus, Aartsbisschop van Utrecht, Beschermer van Holland, Zeeland en Friesland, Stichter der christelijke kerken,
aT Bekeerder van vele zielen, -§ Die door wonderen uwe hei-g lige leer bevestigd hebt, ör
Helper dergenen die in nood ^
o
o
O
|-s
Helper dergenen die in nood g zijn,
^ Troost der bedroefden,
(D Die nooit iemand hebt ver- -SP laten, die in nood zijnde p ^ tot n heeft geroepen, ® Bekeerder der zondaren. Verbreider van Gods naam en eer.
Door uwen arbeid en zweet, waarmede gij ons tot God getrokken hebt,
Die nu in den hemel voor
O
DEN H. W1LLEBR0RDÃS. 409 uwen arbeid gekroond wordt, bid voor ons.
Die God nn in eeuwigheid aanschouwt, bid voor ons.
Door uwe heilige verdiensten, help ons, heilige Willebrordus,
Door uwe heilige gebeden, sta ons bij, heilige Willebrordus.
Dat gij door uwe heilige gebeden ons land van alle ketterij en ongeloof wilt bevrijden, wij bidden u, heilige Willebrordus.
Dat gij voor ods wilt verkrijgen vrede en eendracht, wij bidden u, heilige Willebrordus.
Dat wij door uwe heilige voorspraak een zalig leven mogen verkrijgen, wij bidden u, heilige Willebrordus.
Dat wij door uwe heilige gebeden eenen zaligen dood mogen verwerven, dit bidden wij u, heilige Willebrordus.
Dat alle geloovige zielen door uwe
410 LITANIE VAN
heilige gebeden yan al hunne pijnen mogen verlost worden, dit bidden wij u, heilige Wille-brordus.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
v. Bid voor ons, heilige Wille-brordns.
r. Opdat wij waardig worden der beloften van Christus.
Laat ons bidden.
Almachtige God, die ons door de verdiensten van uwen heiligen bisschop Willebrordus, tot het heilig christelijk geloof gebracht hebt: wij bidden U, dat wij door zijne voorspraak van alle kwaad naar ziel en lichaam, zoo tegenwoordig als toekomend, verlost mogen worden; door Jesus Christus, onzen Heer. Amen.
Cl
DEN H. WILLEBEORDÃS. 411
Gebed tot den H. Willebrordus, Aartsbisschop van Utrecht.
ó God, die U verwaardigt hebt den zaligen Willebrordus te zenden, om uwe leer aan de heidenen te verkondigen, opdat zij de volmaaktste aanneming der kinderen Gods zouden ontvangen; geef ons, bidden wij, door zijne voorspraak, een volkomene dienst in uwen goddelijken wil, opdat in onze dagen, het volk dat U dient, zoo wel in verdiensten als in getal, moge vermeerderd worden. Door onzen Heer Jesus Christus, uwen Zoon, die met U en den heiligen Geest leeft en heerscht, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
Litanie voor den Woensdag.
VAN DEN HEILIGEN DOMINICUS.
Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer.
412 LITANIE VAN
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons. God, hemelsehe Vader, ontferm U onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
God, heilige Geest, ontf. U onzer. Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Maria, zonder vlek ontvangen, bid voor ons.
Heilige Maria toevlucht van
den heiligen Dominicus, Heilige Maagd der maagden, td Heilige vader Dominicus, die ^ van God den Vader tot eenen o waarachtigen dienaar zijt ® verkoren, g
Die van God den Zoon vóór uwe 5° geboorte bestemd zijt, dat gij zoudtzijn een licht der wereld uitverkoren uit duizenden. Die van God den heiligen Geest
DEN H. DOMINICÃS. 413 zijtbegaafd met wonderlijke zoetheid en genaden bid voor ons. Die van de heilige Drievuldigheid, met de zuivere maagd Maria, in den luister des hemels zoo heerlijk zijt ontvangen,
Die altijd uwe toevlucht hebt genomen tot de zuivere maagd Maria, K
Dat Maria altijd onze toevlucht ^ moge wezen, c
Die van de maagd Maria zij tuit- ^ verkoren, om haren heiligen g rozenkrans uit te reiken aan p alle menschen,
Die Maria altijd hebt uitverkoren, om eene voorspreekster uwer heilige orde te wezen, Allerliefste vader, Allergoedertierenste vader, Allerzoetste vader, Allerminzaamste vader, Barmhartige vader,
414 LITANIE VAN
Eerwaardige vader, bid voor ons. Waarachtige krijgsman van
Christus,
Ruiter des gekruisten Jesus, Band der liefde in Christus, Oven der liefde ,
Ark der heiligheid,
Versmader der wereld. Overwinnaar der boosheden, Navolger van Christus, Voorbeeld der ootmoedigen, td Beminnaar des vredes, ^
Licht der wereld, o
Onderstand en hulp der heilige ° Kerk, g
Leidsman der dwalenden , Bekeerder der ketters, Waarachtige Apostel van Christus,
Spiegel der onwankelbare godsvrucht ,
Vertrooster der weduwen en
weezen,
Voorbeeld van ootmoedigheid,
DEN H. DOMINICUS. 415 Beminnaar der armoede, bid voor ons.
Voorbeeld van boetvaardigheid, Elpenbeen van zuiverheid, Meester van gehoorzaamheid, Voorganger in zuiverheid, td Leeraar der waarheid , ^
Roos van geduldigheid , o Prediker der genade, ^
Licht der heilige Kerk, g
Genezer der zieken, P
Verwekker der dooden.
Martelaar uwer begeerten, Vijand der duivelen,
Helper van allen die tot u vluchten ,
v. Bezoek uwe godvreezende vrienden , heilige vader Dominicus. r. En wek hen uit den slaap des doods.
GEBED.
O heilige vader en helper van hen, die in hunnen nood tot u
416 LITANIE VAN
vluchten: vertroost uwe godvruchtige kinderen en vrienden , en verkrijg voor ons van Jesus Christus, door uwe heilige verdiensten, eenen zaligen dood. Amen.
O heilige vader Dorainicus! verkrijg ons door uwe heilige gebeden, dat wij altijd gedenken en onderhouden mogen het testament, hetwelk gij stervende uwen geestelijken kinderen nagelaten hebt als eene rechte erfenis, te weten: vrede, ootmoedigheid, zuiverheid, gewillige armoede; opdat wij, uwe heilige leer en deugdzame voorbeelden navolgende, tot den eeuwigen vrede, waarachtige verheffing, en in de zalige rijkdommen des Hee-ren mogen ingaan: door denzelfden Jesus Christus, onzen Heer. Amen.
Genes. 48. 16. De Engel die mij verlost heeft van alle kwaad, wil de kinderen zegenen.
Joh. 5.1. Roep, zoo daar iemand
DEN H. DOMINICUS. 417 is die ii antwoordt, en keer u tot iemand van de Heiligen.
Dan. 3,3. Eq wil uwe barmhartigheid niet wegnemen van ons, om Abraham uwen beminde, Izaak uwen dienaar, en Israël uwen heilige.
De P. Barug. 3,4. Heer, almachtige God van Israël! hoor naar de gebeden des gestorvenen Israels, en van deszelfs kinderen.
Mob. 12, 12. Toen gij badt met tranen, de dooden begroeft en uw middagmaal verliet, heb ik uwe gebeden den Heer opgedragen, enz.
Sluitgebed.
ó Heer Jesus! almachtige God !
die door uw lijden en hemelvaart
den hemel ontsloten, en uwe lieve
Heiligen bij uwen troon gevestigd
hebt, waar zij uw heilig aanschijn
aanschouwen : wij zeggen daarom
nu vrijmoedig: O gij, lieve vinenden,
37
418 LITANIE VAN
hidt voor 07Z5; niet, o Heer, tot verminde dug van uwe eer, maar opdat wij door onze lieve vrienden als bemoedigd, tot uwe hoogste Majesteit durven opzien , om vergiffenis van onze overgroote misdaden te verwerven; opdat wij, bekeerd en gezuiverd door uw heilig lijden en uwen bitteren dood, bij à in de eeuwigheid mogen zegevieren , en met uwe lieve Heiligen ons verheugen. Amen.
RESPONSORIUM van den heiligen vader Dominicus.
Wondere hoop, die gij verleendet, Als gij hun, die gij beweendet,
In het uur van hunnen dood,
Hulp beloofdet in den nood:
Heilig, vader, onze zeden.
Help ons eens door uw' gebeden, Tot der ziele zaligheid.
Die God ons heeft toegezeid.
DEN H. DOMINICUS. 419 VERSUS.
Die door wonderen en werken, Kranken, zieken kwaamt versterken, Gij die stildet druk en pijn.
Wil ook mijn geneesheer zijn;
Want voor hen die rouwe dragen,
Gaat gij hulp en bijstand vragen.
Voor Gods Zoons genade-troon,
Tevens God en menschenzoon.
Heilig, vader, als hoven.
Dank zij God, den /Uvergelder;
Zijnen Zoon, onzen Herstelder;
Ook den heiligen Geest daarbij,
Drie personen : één zijn zij.
Heilig, vader, als hoven.
Een Onze Vader en Wees gegroet, tot uitroeiing der ketterij.
Antiph. Groote vader, heilige Domiuicus! wil uwe goedertierene oogen hier altijd op ons slaan, eü in ons doodsuur ons getrouw bijstaan.
v. Bid voor ons, heilige vader Dominieus.
r. Opdat wij waardig worden der beloften van Christus.
LITANIE VAN
GEBED.
ö God, die uwe heilige Kerk, door de verdiensten en leeringen van uwen belijder, onzen heiligen vader Dominicus, hebt willen verlichten : geef dat, door zijn voorbidden , aan haar geene hulp ont-hreke in het tijdelijke, en dat zij altijd moge toenemen in het geestelijke; door Jesus Christus , onzen Heer. Ameu.
Litanie voor den Donderdag.
van den heiligen Franciscus van Azië.
Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons. God, hemelsche Vader, die Fran-
420
DEN H. FRANCISCUS. 421 ciscus tot uwen dienaar hebt verkoren, ontferm U onzer. God Zoon, Verlosser der wereld, q die Franciscus met de teeke-nen uwer heilige vijf wonden c? hebt gezegeld. §
God, heilige Geest, die Francis- cl cus met vele zoetheden hebt o gezalfd, |
H.Drievuldigheid, eenigewaar- y achtige God, die Franciscus in uwe glorie hebt ontvangen, Heilige Maria, overgroote zoetheid van Franciscus, bid voor ons. Heilige Moeder Gods, gestadige
toevlucht van Franciscus, Heilige Maagd der maagden, 5? voorspreekster der orde van ^ Franciscus, ^
O seraflj nsche v ader Franciscus, ® Allerminzaamste vader Fran- o ciscus, P
Goedertierenste vader Franciscus,
422 LITANIE VAN
Heilige Franciscus, vader der ;
men, bid voor ons. Vaandrig van Christus,
Oven van liefde.
Ark der heiligheid ,
Versraader der wereld,
Spiegel van boetvaardigheid, Overwinnaar der boosheden, Navulger van Christus, Voorbeeld der ootmoedigen, Leidsman der dwalenden, Onderstand der heilige Kerk, Meester der gehoorzaamheid. Liefhebber des vredes,
Licht uvvs vaderlands. Martelaar uwer begeerte, Voorganger in zuiverheid, Predikant der schepselen Gods, Vijand der booze geesten, Dienaar der melaatschen. Genezer der zieken, Op wekker der dooden,
Helper van allen die tot u vluchten,
DEN H. FRANCISCUS. 423 v. Bezoek goedertieren uwe die-nareü, heilige vader Franciscus.
r. Verwek hen allen uit den slaap des doods.
GEBED.
ö God, die uwe heilige Kerk, door de verdiensten van den heiligen Franciscns, in nieuwe kinderen Gods zeer vruchtbaar hebt gemaakt ; vergun ons dat wij door zijne navolging de aardsche dingen versmaden, en in het genieten van hemelsche gaven ons altijd verblijden.
ó Heer Jesus Christus, die toen de wereld in liefde verkoeld was, om onze harten te ontsteken, op het lichaam van den heiligen Franciscus de teekenen uwslijdens hebt willen vertoonen: vergun ons genadig, dat wij door zijne verdiensten en gebeden ook waardige vruchten van boetvaardigheid mogen voortbrengen.
424 LITANIE VAN
ó God, lieilig-e Geest, door wiens voorzienigheid en besturingdeloop onzes levens wordt beschikt: help uwe dienaren, opdat wij, die met blijdschap de gedachtenis van den roem waard igen vader Franciscns houden, door zijne gebeden en verdiensten, de eer uwer goddelijke Majesteit eeuwig mogen genieten; door Jesus Christus onzen Heer, die metU en den Vader leeft en heerscht, vaueeuwigheid tot eeuwigheid. Am.
Gebed tot den H. Franciscus, stichter der Minderbroeders-orde.
Heer, Jesus Christus, die toen de wereld in liefde verkoeld was, om onze harten door het vuur uwer liefde weder te ontsteken, in het lichaam van den H. Franciscus de wonderteekenen van uwquot; heilig lijden vernieuwd hebt: geef genadig dat wij, door zijne verdiensten en gebeden, gedurig ons kruis dragen
DEN H. IGNATIUS. 425 en waardige vruchten van boetvaardigheid mogen voortbrengen. Die leeft en heerscht met God den Vader, in de eenheid des heiligen Geestes, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
Litanie voor den Vrijdag.
VAN DEN H. IGNATIUS.
Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons. God, hemelsche Vader, ontferm
U onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld ,
ontferm U onzer.
God, heilige Geest, Vertrooster,
ontferm ü onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Maria, bid voor ons. Heilige Moeder Gods, bid voor ons.
426 LITANIE VAN
Heilige Maagd der maagden,
voor ons.
Heilige vader Ignatius, Stichter der Societeit Jesus, Vuur van goddelijke liefde. Voorganger tot de bekeering
der wereld,
IJveraar voor Gods eer,
Door den geest van versterving
der wereld afgestorven, Overwinnaar van alie begeerten, Versmader der wereld, Ijverige onderwijzer derjeugd. Steun der Kerk van Christus
tegen hare vijanden. Bestrijder der ketterse he dwalingen ,
Vader der bekeerde zondaren. Volmaakte navolger van Jesus
Christus,
Liefhebber der vrijwillige armoede,
Leeraar der engelachtige zuiverheid ,
DEN H. IGNATIUS. 427 Meester der volmaakte gehoorzaamheid , bid voor ons. Herboren uit het vuur der goddelijke liefde.
Opgewonden door het bespiegelend leven,
Spiegel der ootmoedigheid, Liefhebber der broederlijke ® eendracht, ^
Hersteller der eendracht, o Eenzaamheid en stilheid des § gemoeds, g
Vijand des iediggangs en der ⢠zonden,
Volmaakt voorbeeld des geestelijken levens,
Klein voor de menschen, en
groot voor God,
Minnaar der hemelsche eer. Heer! wees ons genadig, hoor
ons. Heer.
Heer! wees ons genadig, verhoor ons. Heer.
428 LITANIE VAN
Wij zondaars, wij bidden U, verhoor ons.
Dat wij al onze werken tot uwe
meerdere eer verrichten, Dat wij nwen heiligen naam en
roem mogen verheffen,
Dat wij tot een nieuw en beter
leven herboren worden, lt; Dat wij de wereld en hetvleesch ^ mogen afsterven, B
Dat wij onze boosheid en kwade a
zinnen buigen mogen,
Dat wij de zouden als de pest -mogen vlieden, |
Dat wij de hoovaardigheid mo-
gen haten, |
Dat wij de reinheid des harten o mogen beminnen, p
Dat wij het onderwijs der jeugd
helpen bevorderen.
Dat wij de aardsche goederen
leeren versmaden,
Dat wij Christus mogen navolgen. Dat wij de armoede en het ver-
DEN H. IGNATIUS. 429 lies van goederen gewillig mogen dragen, wij bidden U, verhoor ons, Heer.
Dat wij in alle zuiverheid en ^ eerbaarheid mogen volharden, ^ Dat wij in broederlijke een- 5: dracht mogen leven, £
Dat wij door de voorspraak van ^ den heiligen Ignatius, klein P op de wereld, en grooi in den ^ hemel zoeken te zijn, 3-
Dat wij naar de hemelsche en 5 eeuwige goederen mogen o verlangen, S
Zoon Gods,
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons, Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, verhoor ons. Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer. Jesus Christus, hoor ons.
Jesus Christus, verhoor ons. Heer, ontferm U onzer.
430 LITANIE VAN
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Onze Vader, enz.
v. En leid ons niet in bekoring. R. Maar verlos ons van den kwade, v. Bid voor ons, heilige Ignatius. r. Opdat wij waardig worden der
beloften van Christus.
v. Heer! verhoor mijn gebed. r. En laat mijn roepen tot U komen.
GEBED.
ö God, die om de meerdere eer uws heiligen naams te verkondigen, door den heiligen Ignatius uwe strijdende Kerk met nieuwen bijstand hebt versterkt: verleen ons, dat wij, door zijne hulp en navolging, strijdende op de aarde, met hem gekroond mogen worden in den hemel; die daar leeft en heerscht, met den Vader, in de eenheid des heiligen Geestes, in de eeuwen der eeuwen. Amen.
DEN H. IGNATIUS. 431
Oprechte liefdezucht van den heiligen Ignatius.
o God! ik bemin U als uw kind,
Want Gij hebt mij het eerst bemind,
Geen vrijheid is er meer in mij,
Ik kies daarvoor uw slavernij.
Dat mijne zinnen toch niets denken, 't Geen uw eer zou kunnen krenken; Dat mijn verstand ook ten allen tij', Met U alleen slechts bezig zij.
A.1 wat Gij wilt, dat wil ik mee,
En zoo gij wilt, ben ik te vree; (jij schonkt uw gaven t'elken stond, Ik schenk ze U weer uit 's harten grond. Ontvang dan uw gegeven goed.
Of leer hoe ik 't gebruiken moet, Doe, Iaat, geef, neem , zoo 't U behaagt, Ik weet dat gij mij liefde draagt;
Dit is alles wat ik U vraag,
Ãat Gij mij mint, ik U behaag.
t Zij dat ik waak of slapen zal,
Geeft Gij mij dit, zoo geeft gij 't al.
Litanie voor den Zaterdag. VAN DK
HEILIGE MAAGD EN MAIITELAKES BARBARA.
Beschermster om niet zonder Biecht te sterven.
Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Hemelsche Vader, waarachtige
God, ontferm U onzer.
Zoon Gods, Verlosser der wereld ,
ontferm U onzer.
Heilige Geest, waarachtige God,
ontferm U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Maria, bid voor ons. Heilige Moeder Gods, bid voor ons. Heilige Maagd der maagden, bid voor ons.
LITANIE VAN DE H. BARBARA. 433 Heilige Barbara, bid voor ons. Vriendin van God den Vader, Maagd van God den Zoon, Bruidvan Godden heiligen Geest, Dochter van de heilige Drievuldigheid ,
Heilige maagd en martelares, Liefhebster der zuiverheid, Liefhebster der eendracht, Liefhebster van het heilig geloof, td Liefhebster van alle deugden, ^ Ijverige liefhebster van Christus heilig kruis en lijden. Overwinster des vleesches, Overwinster der duivelsche bekoringen ,
Troosteres der Christenen,
Hulp in het uiterste des levens, Bijstand in den dood van uwe vrome dienaars en dienaressen,
Moeder der biecht,
Belijdster der H. Drievuldigheid,
Heilige maagd, die voor het
88
i
li'
i
ï'
lt;
O O l-ï
O B
CO
I1
tv-' â j
430 litanie van
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Onze Vader, enz.
v. En leid ons niet in bekoring. e. Maar verlos ons van den kwade, v. Bid voor ons, heilige Ignatius. r. Opdat wij waardig worden der
beloften van Christus.
v. Heer! verhoor mijn gebed. e. En laat mijn roepen tot U komen.
GEBED.
ö God, die om de meerdere eer uws heiligen naams te verkondigen,door den heiligen Ignatius uwe strijdende Kerk met nieuwen bijstand hebt versterkt: verleen ons, dat wij, door zijne hulp en navolging, strijdende op de aarde, met hem gekroond mogen worden in den hemel; die daar leeft en heerscht, met den Vader, in de eenheid des heiligen Geestes, in de eeuwen der eeuwen. Amen.
DEN H. IGNATIUS. 431
Opredde liefdezucht van den heiligen Ignatius.
o God! ik bemin U als uw kind,
Want Gij hebt mij het eerst bemind,
Geen vrijheid is er meer in mij.
Ik kies daarvoor uw slavernij.
Dat mijne zinnen toch niets denken, 't Geen uw eer zou kunnen krenken ; Dat mijn verstand ook ten allen tij', Met U alleen slechts bezig zij.
A.1 wat Gij wilt, dat wil ik meê ,
En zoo gij wilt, ben ik te vreê; Gij schonkt uw gaven t'eiken stond, Ik schenk ze U weer uit 's harten grond. Ontvang dan uw gegeven goed,
Of leer hoe ik 't gebruiken moet, Doe, laat, geef, neem, zoo 't U behaagt, Ik weet dat gij mij liefde draagt;
Dit is alles wat ik U vraag.
Dat Gij mij mint, ik U behaag.
't Zij dat ik waak of slapen zal.
Geeft Gij mij dit, zoo geeft gij 'i al.
'OXgt;Xgt;X^ ogt;gt; 030quot;0;C^
Litanie voor den Zaterdag.
VAN DK
HEILIGE MAAM EN MAKTELAKES BARBARA.
Beschermster om niet zonder Biecht te sterven.
Heer, outferm U onzer. Christus, ontferm U onzer.
Heer, outferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Hemelsche Vader, waarachtige
God, ontferm U onzer.
Zoon Gods, Verlosser der wereld ,
ontferm U onzer.
Heilige Geest, waarachtige God,
ontferm U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God ,
ontferm U onzer.
Heilige Maria, bid voor ons. Heilige Moeder Gods, bid voor ons. Heilige Maagd der maagden, bid voor ons.
1
LITANIE VAN DE H. BARBARA - 433 Heilige Barbara, bid voor ous. Vriendin van God den Vader, Maagd van God den Zoon,
Bruid van God d en hei 1 igen Geest, Dochter van de heilige Drievuldigheid ,
Heilige maagd en martelares, Liefhebster der zuiverheid, Liefhebster der eendracht, Liefhebster van het heilig geloof, td Liefhebster van alle deugden, ^ Ijverige liefhebster van Chris- o tus heilig kruis en lijden, ^ Overwinster des vleesches, i Overwinster der duivelsche be- ^
koringen,
Troosteres der Christenen,
Hulp in het uiterste des levens, Bijstand in den dood van uwe vrome dienaars en dienaressen.
Moeder der biecht,
Belij dster der H. Drievuldigheid,
Heilige maagd, die voor het
28
Hi
!,
434 LITANIE VAN
heilige geloof eenen schromelij-ken dood zijt gestorven,
Heilige martelares, wier heilig lichaam met fakkelen is verbrand geworden, Cd Wier heilige borsten afgesne- ^ den zijn geworden, | Wier heilig hoofd met hamers ^ is geslagen geworden, § Wier heilig vleesch met scherpe ^ haken opengescheurd is geworden.
Die door uwen vader zijtonthalsd, O Jesus, br uidegom van onze beschermster Barbara; wij bidden U, door hare verdiensten , laat ons niet sterven zonder biecht. O Jesus, bruidegom van onze beschermster Barbara; wij bidden U, door hare voorspraak, laat ons niet sterven zonder het heilige Sacrament des Altaars. O Jesus, bruidegom van onze beschermster Barbara; wij bidden
DE H. BARBARA.
U, door haren bitteren dood, dien zij voor uwen heiligen naam gestorven is, laat ons niet sterven zonder het heilig Oliesel.
O Jesns, liefhebber onzer zielen, die den dood der zondaren niet begeert, maar wel hunne bekeering en zaligheid; wij bidden U, door al het lijden van onze beschermster Barbara, laat ons niet scheiden uit deze wereld, zonder al de middelen van onze moeder de heilige Kerk gebruikt te hebben.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, spaar ons, Jesus.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, verhoor ons, Jesus.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U onzer.
HEILIGE BARBARA.
v. Verlos ons bij nachten en dagen,
R. Van onverwachte sterfgelagen.
UI
f li? i
11 iii t;| i
435
m
436 LITANIE VAN
GEBED
tot de heilige Barbara, beschermster in het uur des doods.
God, die de heilige Barbara tot troost der levenden en stervenden h^bt uitverkoren: vergun ons door hare voorspraak, dat wij altijd in uwe goddelijke liefde mogen leven, en al zoo onze hoop stellen op de verdiensten en het bittere lijden van Jesus Christus; opdat ons nooit de dood der zonde verrasse, maar dat wij niet de heilige Sacramenten der biecht, communie en heilig oliesel in het uur des doods mogen versterkt worden, en onbevreesd reizen naar eenegelukkigeeeuwig-lifid. Dit bidden wij, door onzen H.*er Jesus Christus. Amen.
Ander gebed tot de H. Barbara.
O H. Barbara, maagd en martelares, bijzondere beminuares der
DE H. BAEBARA. 437 allerheiligste Drievuldigheid, die voor de eer Gods zoo schromelijke pijnigingen met alle standvastigheid hebt oudergaan: wij biddenu, voor ons te willen verkrijgen, God hier zoodanig te dienen dat wij, met de laatste heilige Sacramenten voorzien, en tegen alle listen des duivels versterkt zijnde,hem daarna voor altijd in de hemelsche glorie mogen genieten; die daar leeft en heerscht, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
DE KLEINE GETIJDEN YAN DEN HEILIGEN ANTONIÃS VAN PADÃA.
TE METTEN.
Ziet het kruis des Heeren; f vlucht, gij wederspanigepartij; de leeuw van het geslacht van Juda heeft de overhand, de wortel van David; Alleluja, Alleluja !
438 GETIJDEN VAN DEN
v. Heer ! Gij zult mijne lippen open doen.
e En mijnen mond zal uwen lof verkondigen.
v. God ! geef acht op mijne hulp. r. Heer ! haast U om mij te helpen.
Eere zij den Vader, en den Zoon, en den heiligen Geest: gelijk het was in den beginne, nu, altijd en in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
Lofzang.
Als vijf minderbroeders het leven Voor 't geloof hadden gegeven,
Voelde Antonius eene vlam;
Die zijn edel hart innam,
Hij laat Augustinus orden.
Om een minderbroeder te worden;
Om ook zulk een vrome held,
Eens te wezen in het veld.
Gun ons, Jesus, vol genaden ,
Groot in macht en groot in daden, Dat ons uwe sterke arm,
Door Antonius bescherm.
Antiph. O vrucht van Spanje,
f
L
h. antonius van padua., 439 gruwel der ongeloovigen, nieuw licht van Italië, edel pand van Padua! verleen ons, Antonius, de beschermingen der genade van Christus, opdat aan de zondaars den korten tijd der genade niet vruchteloos ontvalle.
v. Dat zich verblijden alle kinderen des Heereu.
e. En den lof van den heiligen Antonius vermeerdere.
Gebed,
ó God, die van de heilige Kerk genoemd word, wonderbaar in uwe Heiligen ; door wier voorspraak zij bijstand gevoelt in alle kwellingen : verleen ons, dat wij, die in den naam van uwen zaligen belijder Antonius zijn vergaderd, mogen bekomen hetgene wij verzoeken; opdat wij beschermd worden in alle gevaren, en nooit ophouden U te loven en te danken : door onzen
440 GETIJDEN VAN DEN Heer Jesus Christus, uwen Zoon, die met U leeft eu heerscht, in de eenheid des heiligen Geestes, door alle eeuwen der eeuwen. Amen.
TE PRIMEN.
v. God! geef acht op mijne hulp. r. Heer ! haast U om mij te helpen. Eere zij den Vader, enz.
LOFZANG.
Gij verdrijft ketterijen.
Met het woord Gods uittespreien,
Breekt ge 't helsche kerkerslot, En bevrijd de bruid van God.
Gun ons, Jesus, vol genaden,
Groot in macht, enz. bladz. 438.
Antiph. Door groote wonderdaan doet hij de tanden breken.
Van 't God vergeten volk, dat hem durft tegenspreken,
En met hun lastertong en ongetoomden mond.
Nu hadden menigmaal Gods waarde bruid gewond.
v. Ontwaak, o heilige Antonius ! b. Verlos ons van alle zichtbare en onzichtbare vijanden.
H. ANTONIUS YAN PADUA. 441
GEBED.
ó God, die uwen heiligen belijder Antotiitis tot eeueti uitnemeDden verkondiger van uw woord gesteld, en de heilige Kerk door zijne zalige leeriügen zoo wonderlijk verblijd hebt: verleen ons. dat wij, door de voorspraak van hem die wij op aar de tot eenen leeraar des levens hebben gehad, hetgeen hij ons geleerd heeft, met woorden en werken mogen uitwerken; door onzen He^r Jesus Christus, die met U en den heiligen Geest leeft en heerscht, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
TE TERTIEN.
v. God! geef acht op mijne hulp.
r. Heer! haastü om mij te helpen.
Eere zij den Vader, enz.
Lofzang.
Water vloeide uit de steenen,
Hard versteende harten weenen;
442 GETIJDEN VAN DEN
Ach, zijn tong, die honig vloeit,
Is met 's hemels dauw besproeid. Gun ons, Jesus, vol genaden,
Groot in macht, enz. bladz. 438.
Antiph. Die naar U dorstig was, o God , die placht te waken Tot in den dageraad, in uwe dienst en zaken;
En Gij die dorstig hingt, ach, wil voor ons ook zijn,
Als aan hem, een klaar licht en levende fontein.
v. Door uwe verdiensten, allerminzaamste Antonius !
r. Doe onze harten smelten in de liefde van Christus.
GEBED.
ö Allerzoetste Jesus ! wil overvloedig den rijkdom uwer liefde op onze bedorven gemoederen uitstorten , en zuiver dezelve door de voorspraak van den heiligen Antonius van alle vlekken der zonden; Gij, die leeften heerscht, God, door alle eeuwen der eeuwen. Amen.
H. ANTONIUS VAN PADUA. 443
TE SEXTEN.
v. God! geef acht op mijne hulp. r. Heer! haast U om mij te helpen. Eere zij den Vader, enz.
Lofzang.
Hij had altijd in zijn leven,
't Heilig kruis in 't hart geschreven, Droeg dit pand steeds in zijn ziel, Dat hem nimmer moeilijk viel.
Gun ons, Jesus, vol genaden,
Groot in macht, enz. bladz. 438.
Antiph. Dat alle schepselen den Heer ge-benedijden ,
Van hemel, aard' en zee; den Heer, die
ons verblijde.
Komt met een zekere hoop van 't allerhoogste goed.
Door zoo veel teekenen, die hij, Antonius, doet.
v. Dat zich alle volken verblijden en verheugen.
r. Die door den heiligen Antonius gebracht zijn in den schoot der heilige Kerk.
Gebed.
o God, voor wiens aangezicht de
Pi
11
'ii K
444 GETIJDEN VAN DEN hemelen zelfs niet zuiver zijn: wil ons toch genadig aanschouwen, wier vlekken Gij door het dierbaar bloed van uwen eenigen Zoon verwaardig d hebt weg te nemen; en verleen ons, dat wij, door de voorspraak van den lieiligeii Antonius, zoo mogen wandelen door de tijdelijke goederen,dat onze geest altijd naar U en naar de eeuwige goederen mag wenschen en verlangen : door denzelfden, onzen Heer Jesus Christus, die met U leeft en heersctit, in de eenheid des heiligen Geestes, door alle eeuwen der eeuwen. Amen.
TE NONEN.
v. God! geef acht op mijne hulp. r. Heer! haast U om mij te helpen. Eere zij den Vader, enz.
LOFZANG.
Zijne ziele wordt ontbonden,
En in eene bron verslonden,
Daar hij nu in vreugde rust,
Eeuwig zijnen dorst thans bluscht.
H. ANTONIUS VAN PADTJA, 445
Gun ons, Jesus, vol genaden,
Groot in macht, enz bladz. 438.
Antiph. Gelukkig Paclua ! verblijd u boven maten.
Dat zulk een groote schat is in uw schoot gelaten,
N
I gt;i
I
1
nil
1*
En door God zelf u is veropenbaard, In welk een schoon altaar hij dient te zijn bewaard.
Gebed.
ö God! verleen ous, dat de voor-biddiugvau den heiligeu Antouius, uwen belijder,uwe Kerkverblijde , opdat zij met geestelij keu ouderstand altijd beschermd worde, en verdieue te genieten de eeuwige vreugde : door onzen Heer Jesus Christus, die met U en den heiligeu Geest leeft en heerscht, in de eeuwen der eeuwen. Amen.
TE VESPEREN.
v. God! geef acht op mijne hulp. r. Heer! haast U om mij te helpen. Eere zij den Vader, enz.
444 GETIJDEN VAN DEN hemelen zelfs niet zuiver zijn: wil ons toch genadig aanschouwen, wier vlekken Gij doorliet dierbaar bloed van uwen eenigen Zoon ver-waardig d hebt weg te nemen; en verleen ons, dat wij, door de voorspraak van den lieiligen Antonius, zoo mogen wandelen door de tijdelijke goederen,dat onze geest altijd naar à en naar de eeuwige goederen raag wenschen en verlangen : door den-zelfden, onzen Heer Jesus Christus, die met U leeft en heerscht, in de eenheid des heiligen Geestes, door alle eeuwen der eeuwen. Amen.
TE NONEN.
v. God! geef acht op rnijne hulp. r. Heer! haast U om mij te helpen. Eere zij den Vader, enz.
LOFZANG.
Zijne ziele wordt ontbonden,
En in eene bron verslonden,
Daar hij nu in vreugde rust,
Eeuwig zijnen dorst thans bluscht.
H. ANTONIUS VAN PADUA. 445 Gun ons, Jesus , vol genaden,
Groot in macht, enz hladz. 438.
Antiph. Gelukkig Padua ! verblijd u boven maten.
Dat zulk een groote schat is in uw schoot gelaten,
En door God zelf u is veropenbaard, In welk een schoon altaar hij dient te zijn bewaard.
Gebed.
0 God! verleen ous, dat de voorbidding van den lieiligeu Antouius, uwen belijder, uwe Kerk verblijde , opdat zij met geestelijken onderstand altijd beschermd worde, en verdiene te genieten de eeuwige vreugde : door onzen Heer Jesus Christus, die met U en den heiligen Geest leeft en heerscht, in de eeuwen der eeuwen. Amen.
TE VESPEREN.
v. God! geef acht op mijne hulp. e. Heer! haast U om mij te helpen. Eere zij den Vader, enz.
446 GETIJDEN VAN DEN Lofzang.
Toen hij zalig was gestorven,
Is zijn heilig vleesch bedorven;
Maar zijn tong, Gods lof gewend,
Bleef geheel en ongescheud.
Gun ons, Jesus, vol genaden.
Groot in macht, enz, ófac/z. 438.
Antiph. O zegenrijke tong, die uwen Heer mocht prijzen.
Die tot Gods eer en roem den mensch mocht onderwijzen.
Nu zien wij duidelijk, door zulk een wonderdaad,
Op welk een hoogen trap gij van verdiensten staat.
v. De heilige Antonius zij gezegend, r. Dien de Allerhoogste in den hemel met roem gekroond heeft.
Gebed.
Verhoor ons, o God, onze Zaligmaker! dat wij door de voorspraak van den H. Antonius, uwen belijd er, den heiligen Geest, dien Gij hebt beloofd aan allen die daarom vragen, heden door zijne verdiensten waar-
H. ANTONIUS VAN PADUA. 447 dig mogen worden te ontvangen ; die leeft en heerscht, door alle eeuwen der eeuwen.
TE COMPLETEN.
v. Bekeer ons, God onze Zaligmaker.
e. Eu keer uwe gramschap van ons.
v. God ! geef acht op mijne hulp. r. Heerlhaastü om mij te helpen. Eere zij den Vader, enz.
Lofzang.
Wil aan uwe dienaars geven,
Aan de dooden en die leven,
Door uw voorspraak, vol van kracht, 't Goed daar iedereen naar tracht. Gun ons Jesus, vol geuadeu.
Groot in macht, enz. bladz. 438.
Anüph. Nu is hij een gezel der glorie ook geworden,
Van 't glorierijk getal der vaders van zijn orden,
Wier leven hij hier had gevoerd al met ter daad;
448 GETIJDEN VAN DEN
Zie wat een kroon de deugd haar minnaar achterlaat.
Gebed.
O goedertiereuste Jesus, die uwen belijder, den heiligea Anto-nius, met vele kracht en wonderen begaafd hebt: verleen ons genadig, dat wij, hetgeen wij met vertrouwen door zijne verdiensten verzoeken, door zijne voorspraak zeker mogen bekomen; Gij , die daar leeft en heerscht, met God den Vader, in de eenheid des heiligen Geestes, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
SLU1TBE VELING.
Neem, Antonius, deez' getijden,
'k Doe ze ter uwer eer eu dank ; Ik zweer u trouw mija leven lang. Wil mijne ziele toch bevrijden, En beschermen in den nood.
Van den laatsten strijd der dood,
Als zij zal van 't lichaam scheiden , Dat zij, na den laatsten dag;
U, haar leidsman, vinden mag.
h. antonius van padua. 449 O wil haar alsdan geleiden,
Door uw hulp en onderstand,
Tot het hemelsch Vaderland.
lie
to-i rins iet
LITANIE
raa den. H. Aatonius vaa Padua
eil Heer, ontferm U onzer. ^ Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer. ÃCj Christus, hoor ons. eg Christus, verhoor ons.
eil God, hemelsche Vader, ontferm U onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer.
God, heilige Geest, Vertrooster, ontferm ü onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm (J onzer.
11D'
Heilige Maria, moeder en be-1 schermster va n den heiligen An-tonius, bid voor oüs.
Heilige Franciscus, vader en on-
450 LITANIE VAN DEN
derwijzer van den heiligen An-tonius, bid voor ons.
Heilige Antonius van Padna, Zalige vrucht van Spanje,
Nieuw licht van Italië, Beschermer en roem van Padua, Apostel van Frankrijk,
Navolger van den heiligen vader Franciscus,
Lelie der zuiverheid,
Kostbare parel der armoede, td Klaarschijnend licht der ge- ^ hoorzaamheid, o
Spiegel der boetvaardigheid, ^ Roos der geduldigheid, §
Vlam der liefde, 50
Veld der heiligheid,
Pilaar der heilige Kerk, Verkondiger der genade, Uitroeier der zonden,
Vertreder der wereld,
Leeraar der waarheid,
Verheffer der eere Gods, Blinkende ster aan het uitspansel
H. ANTONIUS VAN PADUA. 451
van de serafljnsche orde, bid voor ons.
Ark des verbonds,
Bazuin des Allerhoogsten, Voorvechter van het geloof des hoogwaardigsten heiligen Sacraments,
Brandendenaarden marteldood, Geesel der ketters, cö
Schrik der ongeloongen, ^ Roede der dwingelanden, ^ Liefhebber van Gods huis, ^ IJveraar voor de zielen, g Wonderbare bewerker van won- P deren,
Beschermer bij verlies van za ken, Toevlucht der armen,
Gezondheid der zieken. Vertrooster der bedrukten, Hof van alle deugden,
Kenner der harten,
Voorzegger der toekomende
dingen,
Verwekker der dooden,
452 LITANIE VAN DEN Schrik der duivelen, bid voor ons. Navolger der Patriarchen, tö Voorbeeld der Apostelen, £ Uitstekende onder de leeraars, ^ Roem der heiligen, ®
Onze allerzoetste vader en be- g schermer, ^
Wees verzoend, spaar ons. Heer! Wees verzoend, hoor ons, Heer! Van alle kwaad, verlos ons, Heer! Van alle zonden,
Van de macht des duivels. Van pest, honger en oorlog, Van den eeuwigen dood,
Door de verdiensten van den lt; heiligen Antonius, 2-
Door zijne brandende liefde, S Door zijnen ijver ter bekeering § der zondaren, iquot;
Door zijne vurige begeerte naar ^ den marteldood, ^
Door de gedurige volharding ^ in zijne beloften van gehoorzaamheid , armoede en
H. ANTONIUS VAN PADUA. 453 zuiverheid, verlos ons, Heer! Door zijne onvermoeidheid in den
arbeid, verlos ons. Heer !
Door de wonderbare verscheidenheid zijner wonderen, verlos ons, Heer!
In den dag des oordeels, verlos
ons. Heer.
Dat Gij ons wilt brengen tot een waarachtig berouw en leedwezen onzer zonden, ^ Dat Gij het vuur der goddelijke ^ liefde in ons wilt ontsteken, 2: Dat Gij ons deelachtig wilt ma- §: ken aan de voorspraak en p verdiensten van den heiligen ^ Antonins,
Dat Gij ons vaderland in den ^ dienst van den heiligen Anto- p-nius wilt doen volharden, | Dat Gij allen die hunne toevlucht ^ tot den heiligen Antonius ne- p men, gezondheid naar ziel en ' lichaam wilt verleenen.
454 LITANIE VAN DEN
Dat wij, door de verdiensten van den heiligen Antonius, in alle soorten van deugden mogen voortgaan, wij bidden U, verhoor ons.
Dat Gij alle dienaars en liefhebbers van den heiligen Antonius wilt voorkomen in alle zegeningen, wij bidden U, verhoor ons.
Dat Gij U gewaardigt ons te ver-hooren, wij bidden U, verhoor ons.
Jesus Christus, Zoon van den levenden God, wij bidden U, verhoor ons.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, verhoor ons. Heer.
Lam Gods, datwegneemt de zonden der wereld, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Onze Vader, enz.
v. En leid ons niet in bekoring.
h. antonius van padua. 455 e. Maar verlos ods van den kwade, v. Bid voor ons, heilige Antonius ! e. Opdat wij waardig worden der beloften van Christus.
GEBEDEN.
O Heer Jesus Christus, die op den goeden vrijdag, omtrent het zesde uur, op het altaar uws allerheilig-sten kruises hebt willen verheven worden, en omtrent het negende uur uwen geest hebt gegeven in de handen van uwen hemelschen Vader : wij bidden U, door uwe verdiensten , en door de voorspraak van den heiligen Antonius, wiens ziel ook op eenen vrijdag afscheid heeft genomen van deze wereld, en wiens lichaam ten derden dage begraven is geworden, dat wij de vruchten uwer verlossing, onze zaligmaking, door de voorspraak vau denzelfden beschermer, in ons gedurig mogen gewaar worden:die met den Vader
456 VROME GEBEDEN TOT DEN en den heiligen Geest leeft en heerscht, in alle eeuweu. Amen.
O zachtmoedige en goedertieren-steJesus, die uwen belijder, den H. Antonins, door menigvuldige wonderen de wereld door vermaard maakt : verleen ons genadig, dat wij, hetgeen wij met vertrouwen door zijne verdiensten verzoeken , door zijne voorspraak mogen bekomen; die leeft en heerscht, met God den Vader, in de eenheid des heiü^n Geestes, in alle eeuweu der eeuwen. Amen.
NEGEN VROME GEBEDEN
TER EERE
VAN DEN HEILIGEN ANTONIÃS VAN PADUA.
i.
O roemrijke heilige vader Antoni-us, die een licht der heilige Schrif-tuur, een bijstand dermistroostigen
H. ANTONIUS VAN PADUA. 457 zijt: wij bidden u, verhoor onze ootmoedige gebeden, en verkrijg voor ons van God zijne goddelijke genade en hulp; dit bidden wij, door uwe onschuldige kindschheid. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet, enz,
II.
O heilige Aiitonius, roem der leeraren, ijverige verkondiger der deugden en standvastige berisper der zonden : wil ons door uw goedertieren en miQzaarn hart bijstand van God verwerven in al onzen nood: dit bidden wij u , door de jaren die gij zoo iolïelijk in de orde van den H. Augustinus doorgebracht hebt. Amen.
Onze Vader, Weesgegroet, enz.
III.
O heilige Antonius, zuiver zout der aarde, lichtop den kandelaar der heilige Kerk, stad op den berg der
458 VROME GEBEDEN TOT DEN bespiegeling: wij bidden u, aanhoor onze gebeden, en verkrijg ons van God heilige begeerten, met eene volharding in dezelve; dit bidden wij, door uw heilig leven in de orde van den heiligen Franciscus. Amen.
Ome Vader, Wees gegroet, enz.
IV.
O heilige Antouius, getrouwe dienaar der allerheiligste maagd Maria! wil toch bij haar onze voorspreker wezen, verkrijgende vergiffenis oilier zonden en bijstand in al onzen nood ; dit bidden wij u, door de onuitsprekelijke genoegens, die uwe ziel gevoelde, toen het kindjesus tusschen uwe armen rustte. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
V.
O heilige Antonius, vader der weezen en verlatene menschen, vruchtbare regen des hemels I maak
H. ANTONIUS VAN PADUA. 459 onze harten vruchtbaar in deugden, vurig in het geloof; wil ons ontvangen om u te dienen, ons beschermende in alle gevaren naar ziel en lichaam; verkrijg ons eene volko-mene liefde tot God en onzeu even-mensch ; dit bidden wij u, door de menigvuldige wonderen, die gij op aarde gedaan hebt. Amen.
Onze Vader , Wees gegroet, enz.
VI.
O heilige Antonius, sterke zuil der boetvaardigheid , schild tegen alle bekoringen, zekere weg der onwetenden ! maak mij deelachtig aan uwe heilige deugden, opdat voor ons het dierbaar bloed van Christus niet verloren ga, maar dat wij in zijne heilige wonden eene geruste haven der heiligheid mogen vinden : dit bidden wij, door uwen heiligen dood. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
460 VROME GEBEDEN TOT DEN
VII.
O heilige Antouius, licht van Italië, roem van Padua, troost der ongeloovigen ! wil ons verkrijgen een levendig geloof, eene vaste hoop en den gewenschten prijs der glorie; dit bidden wij u, door den roera-vollen ingang uwer ziel in de he-melsche blijdschap. Amen.
Onze Vader , Wees gerjroet, enz.
VIII.
O heilige Antonins, levend voorbeeld der evangelische leeraars, troost der zieken, blijdschap der bedroefden ! wil al onze zuchten en gebeden'tot u n i et vergeten,gelij kgij uwe lieve ouders niet vergeten hebt, die zonder schuld waren ter dood veroordeeld; maar bid God, dat hij ons vertrooste en barmhartig zij : dit bidden wij u , door de onbegrijpelijke vreugde en liefde die nu is tusschen u en uwen heiligen
H. ANTONIUS VAN PADUA. 461 vader Franciscus in den hemel. Amen.
Onze vader, Wees gegroet, enz.
IX.
O heilige Antonius, zeer stipte bewaarder der zuiverheid, getrouwe minnaar des heiligen kruises ! bescherm ons in onzen dood tegen alle bekoringen, opdat wij God belijden met den mond en met het hart mogen gevoelen Gods barmhartigheid : dit bidden wij u, door de allergrootste blijdschap, die gij in de eeuwigheid zult bezitten, in het aanschouwen en genieten van het goddelijk wezen. Amen.
Onze Vader, Wees gegroet, enz.
Het Dinsdagsche Lof
van den H. Antonius van Padua.
Laat ons nu, vereend in deugden, Zingen Christus dank en lof.
Die Antonius met vreugde Heeft gekroond in 's hemels hof.
462 VEOME GEBEDEN TOT DEN Die Franciscus, zijnen vader,
Heeft getracht gelijk te zijn,
Uit hem als eenen bronnen-ader, Vloeiende des levens wijn.
Overvloeiende de perken,
Door den dorst des doods verstikt.
Die hij door Gods woord kwam sterken. En met hemel-dauw verkwikt.
Hij, die naar zijn vader aardde. Die door wonderen wijd beroemd. Aan het kruis hem openbaarde,
Als hij maar den titel noemt.
Die zich zelf heeft overwonnen.
Onder Gods bevrijdenis,
Is in 't hemelrijk gekomen,
Waar niet meer te strijden is.
Dat hij ons, die hier nog strijden,
Diene tot kloekmoedigheid,
Opdat wij geen kwaad meer lijden, Overwiimen iu den strijd.
Dit wil ons den Vader geven;
Dit verleene ons ook de Zoon;
Opdat wij genadig leven.
Door den Geest, in 's hemels troon. Amen. ANTIPHONE.
Wilt gij nu wonderen zien ? het weenen, kermen, zuchten.
De duivel, dood en pest; de ketterij aaoet vluchten ;
H. ANTONIUS VAN PADUA. 468 Wat ziekten dat het zijn, melaatschheid, die vergaat;
Geen mensch, hoe krank hij is; die niet gezond opstaat.
* De zee die wijkt van hem, de banden der gevangenen Die springen door hem los, en jong en oud ontvangen
Door hem in allen nood, troost, hulp en
onderstand ,
En wat verloren is, komt wederom ter hand. v. Degenen, die hem slechts zenden hunne gebeden,
Die hebben geen gevaar, noch ramp, noch
zwarigheden,
Die moeten op de proef belijden al te gaar,
Dat die van Padua vrij zeggen openbaar. De zee die wijkt, enz. als hoven.
Eere zij den Vader, en den Zoon, eu den heiligen Geest.
â v. Bid voor ons, heilige Antonius !
r. Opdat wij waardig worden der beloften van Christus.
Gebed.
O God! verleen ons, dat wij door de voorbidding van den heiligen
464 VROME GEBEDEN TOT DEN Antonius, uwen belijder, in uwe heilige Kerk altijd verblijd worden, opdat wij met geestelijken onderstand altijd beschermd worden, en de eeuwige vreugde verdienen te genieten : door onzen Heer Jesns Christus, die leeft enheerscht, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
Ander Gebed.
O goedertierene en barmhartige God, die den heiligen Antonius zoo uitmuntende genade hebt verleend, dat hij door uitstekende deugden en heiligheid, bij U zulk een vermogen heefL verkregen, dat door zijne voorspraak de verblinde en verharde gemoederen der menschen worden verlicht en vermurwd, in dier voege, dat de slapenden in de schaduw des doods hierdoor van hunnen slaap ontwaken, en tot den weg des levens geraken : wij bidden U, door zijne verdiensten, dat
H. ANTONIUS VAN PADUA. 465 gij onze harten met uwe genade aldus gelieft te verlichten, dat wij den duivel, de wereld en het vleesch overwinnende, met genoegen onze zaligheid mogen bewerken. Amen.
Antonius ! wil ons helpen , Die vertrouwen op uw gunst,
Wil ons kwaad ter neder stelpen ,
Help ons toch tot zedekunst.
Doe de droefheid van ons vluchten, Help ons toch in allen nood,
Ban het kermen , ban het zuchten,
Keer van ons den kwaden dood.
Maak dat wij zijn uitverkoren,
Door het plegen van de deugd ;
Hebben wij ook iets verloren,
Breng het weêr tot onze vreugd;
Opdat wij, van ramp ontslagen, Die de wereld ons bereidt,
God hier minnen en behagen,
Tot ons aller zaligheid, Amen. v. Antonius! maak dat God ons krank gebed verhoort.
r. En het kwaad van ons verdrijft, dat onze rust verstoort.
Gebed.
Heer Jesus Christus, wiens ge-?
30
466 GEBEDEN TOT DEN H. ANTONIUS.
noegen het is bij de kinderen der menschen te zijn, om welke oorzaak Gij U zelve aan den H. Anto-nius, om zijne kindsche zuiverheid en minzaamheid, ook onder de gedaante van een kind hebt geopenbaard, hem alle gunsten en genegenheid bewijzende; zoo dat Gij hem, nu zegevierend met U heer-schende in den hemel, niets weigert, hetgeen hij voor zijne dienaars verzoekt op de aarde : wij bidden ü, door zijne uitmuntende zuiverheid en andere deugden, om welke hij deze uitstekende gunst van U heeft verkregen, dat Gij ons gemoed van alle gebreken gelieft te zuiveren , en er eenen oprecbten ijver tot de deugd wilt indrukken ; opdat wij mogen waardig worden te bekomen, wat wij door de verdiensten van uwen heiligen belijder verzoeken. Amen.
*.*â *» **'«gt; »â¢* gt; «gt;gt;lt; 4* »gt;y«i
LITANIE
van de heilige Theresia.
â
'fl
i|
td BI
O O l-ï
Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Hemelsche Vader, waarachtige
God, ontferm U onzer. God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm U onzer.
God, heilige Geest, Vertrooster,
ontferm U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Maria, bid voor ons. Heilige Josef,
Heilige Moeder Theresia, Seraüjnsche maagd.
Die van uwe jeugd af vervuld zijt
geweest met goddelijke gaven, g Die nauwelijks acht jaren oud 5°
468 LITANIE VAN
zijnde, begeerig waart naar het martelaarschap, bid voor ons. Die met uwen broeder gereisd zijt naar de Mooren, om uw bloed voor Christus te vergieten, Die ontmoet, en van uwen oom wedergebracht zijnde, ontroostbaar waart, omdat u dien palmtak ontnomen was, Die beroofd zijnde van de eer des W marteldoms, begeerig waart ^ naar het kluizenaarsleven gt; Die tusschen het kinderspel placht kloosters op te richten, Die in de eenzaamheid en in
gebeden volmaakt waart. Die nog een kind, van God bestraald, placht uit te roepen: o eeuwigheid! o eeuwigheid! Die twaalf jaren oud, uwe moeder verloren hebbende, u geworpen hebt voor het beeld van Maria, en u zelve aan haar tot dochter hebt opgedragen,
lt;
O O â¢-i
o P
co
JL
DE H. THERESIA. 469
f .
Die twintig jaren geworden zijnde, u begeven hebt in de orde des bergs Carmelus, bid voor ons. Die non zijnde, drie jaren lang van de allerpijnlijkste ziekten overvallen, en van het gebruik uwer ledematen beroofd zijt geworden.
Die door den H. Josef verdiend
hebt genezen te worden, td Die met de menschen te gemeen- ^ zaam geweest zijnde, door © Christus streng zijt berispt § geworden, g
Die van hem zijt genoodigd ge- 5° worden tot het gezelschap der engelen,
Die verdiend hebt van hem te hooren in het gebed : voortaan zult gij met de engelen omgaan,
Die daarop wonderlijk met alle deugden versierd zijt geworden,
470 LITANIE VAN
Maagd vol van geloof en hoop, bid
voor ons.
Brandende door eenen onuit-bluschbaren brand der goddelijke liefde,
Die waardig zijt geweest van eenen Serafijn, met een gouden en vnrigen schicht der liefde doorschoten te worden, Die vlammende van liefde, be- W loofd hebt altijd te zullen doen, wat gij zoudt weten God het ^ aangenaamste te zijn, ®
Die ontstoken door eenen onver- o zadelijken zielenijver, gewoon ^ waart onophoudelijk de duisternis der ongeloovigen en ketters te beweenen,
Die om eenigzins het groot verlies der zielen te vergelden , de oprichtster geworden zijt van twee-en-dertig kloosters van de herstelde orde van Carmelus, Die bereid waart tot het einde
DE H. THERESIA. 471 der wereld, voor de zaligheid van eene ziel alleen, de pijn des vagevuurs te ondergaan, bid voor ons.
Bruid van Christus,
Verheven door hel behouden der
onschuld uws doopsels, Die waardig geweest zijt van Christus te hooren : voortaan zult gij als eene ware bruid 33 mijne eer beijveren, ^
Die belast zijt iroworden door lt; den bloedigen Bruidegom, ^ medelijden te hebben met al o zijne wouden, die hem de zon- S daars gedurig vernieuwen, Allerminste door ootmoedigheid. Die altijd begeerig waart om
veracht te worden.
Die God dikwijls gebeden hebt, dat hij zijne gunsten voor u zoude matigen, en zoo spoedig niet al uwe zonden vergeten ,
472 LITANIE VAN
Uitmuntende door armoede ,
voor ons.
Blijhartig in behoeftigheid, Die van doodziekte op reis overvallen , van alles verlaten, uwe gezellin, die daarom weende, getroost hebt, Blind in gehoorzaamheid, Die om te gehoorzamen, zonder uitstel eeu boek met gezangen, die gij gemaakt hadt, in het vuur geworpen en verbrand hebt.
Begaafd met bovenmatige lijdzaamheid ,
Die gewoon waart uit te roepen:
lijden en sterven ! Onoverwinnelijk in vervolgingen,
Onberoerd tusschen al de aanvechtingen en schrikkelijke vertooningen des duivels, Die van den duivel van de trappen gesmeten, blijmoedig de
bid
|
Di | |
|
Cd |
Ui |
|
K. |
Di |
|
lt; O | |
|
w i-S | |
|
O ö cn |
n
DE H. THERESIA. 473 breuken van uwen arm iiebt verdragen , bid voor ons. Wonderbaar in verstervingen, Die door vasten, haren-kleederen en ketenen uw lichaam hebt verscheurd,
Die u in doornen gewenteld hebt, ter liefde van Christus, Uitmuntende in het gebed, Die door eene wonderbare dor- gd heid des geestes, achttien jaren lang bitter bedroefd lt; zijnde, daarna met aide wel- ® lusten des hemels zijt over- c goten geworden, S
Die dikwijls zijt vereerd geworden door het aanschouwen der menschheid van Christus, Die in het gebed van den Heer verdiend hebt te hooren : ik heb op de aarde Magdalena tot eene vriendin gehad, en u in den hemel,
Die bij een bezoek van Chris-
474 LITANIE VAN
tus , begaafd zijt geworden met een kruis, schitterende van fijne gesteenten, bid voor ons. Die van deallerheiligste Maagd en den heiligen Josefmet een witblinkend kleed versierd zijt geworden.
Die van Christus met eene blinkende kroon zijt vereerd geworden ,
Die van deallerheiligste Maagd tc zijt versierd geworden met =-een ketting van diamanten, lt; Die verdiend hebt van Christus ^ te hooren : ware het dat ik o den hemel niet geschapen p hadde, om U alleen zoude ik dien scheppen,
Die gedurig, tot den dood toe , verkeerd hebt met de Heiligen en Engelen,
Die in uwen dood vereerd zijt geweest met het bijzijn der heilige Martelaren,
de h. theresia. 475 Die na eene opgetogenheid des geestes, van veertien uren, door een en onverdragelijken brand der goddelijke liefde gestorven zijt, bid voor ons.
Die in de gedaante van eene tö duif gezien zijt, vluchtende ^ tot uwen Bruidegom, ^
Die in alles een wonderbaar § schouwspel zijt geweest voor g de wereld, de engelen en de V1 menschen,
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons, Jesus. Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, verhoor ons, Jesus. Lam Gods, dat wegneemt de zouden
der wereld, ontferm U onzer, v. Bid voor ons, heilige Theresia, r. Opdat wij waardig worden der beloften van Christus.
476 LIT. VAN DE H. THERESIA.
GEBED.
ö God, diede serafijnsche maagd Theresia, door het wonderlijke vuur uwer liefde doorwond, met hemelsche gaven hebt versierd: verleen ons dat wij, door de hulp van hare voorspraak en hare navolging, van de goddelijke liefde hier op de aarde verwond zijnde, met haar door de volheid uwer hemelsche gaven en gunsten versierd mogen worden in den hemel: door Jesus Christus, onzen Heer, die met deu vader en deu heiligen Geest leeft, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
ZOETE BEMERKINGEN
op de zeven woorden
VAN OMEN HEER JESUS CHRISTUS,
hangende aan het Kruis.
Met zeven gebeden op dezelfde woorden.
HET EEESTÃ WOOED.
6 Jesus ! die aan ons, door uwen dood en leven, 't Geen ons de zonde ontnam, ten volle weêr
komt geven :
Genageld aan het kruis, zijt Gij een' offerand', Die om der menschen zonden in 't vuur der liefde brandt.
Wat hebt Gij smart en pijn en ongelijk verdragen, Voor die, door eigen schuld, geheel verloren lagen; En 't leven eener ziel kost U den bitteren dood. De welvaart van een' slaaf, die brengt U in den nood, Terwijl de beulen slaan, terwijl nw aders leken. Als u de ziel begeeft, terwijl uw oogen breken. Roept Gij den Vader aan, en midden in de pijn, Zegt Gij nog voor hen, die de oorzaak daarvan zijn :
Vadert vergeef het hm, want zij weten niet wat zij doen. Lucas XXIII, v. 34.
478 DE ZEVEN WOORDEN VAN GEBED.
O allerzoetste lijdzaamheid,
O wondere zachtmoedigheid,
O goedheid zonder einde of maat. Die onze schuld te boven gaat :
In al uw lijden en verdriet,
Gij klaagt. Gij dreigt. Gij jammert niet. O, zie mijn droeve tranen aan.
En hoor de bange zuchten gaan. Die komen uit mijn rouwig hart. Op 't zien uws bitteren doods vol smart. Verschoon toch, Jesus , mijn' misdaad , Vergeef mij, Jesus, al mijn kwaad.
HET TWEEDE WOOfiT).
ó Jesus ! 't heilig bloed , dat uit veel duizend wonden,
Aan 't kruishout Gij vergoot, tot boete onzer zouden : Hoe waart Gij vau gemoed, toen, midden in den dood, Een booswicht uwe smart nog maakte eens zoo groot!
Hij hing met U aan â 't kruis, en durfde U tegenspreken ;
Maar die van de andere kant, die zag uwquot; oogen breken,
Erkende U voor zijnquot; God, en riep ootmoediglijk : O Heer! denk toch aan mij, als Gij komt in uw rijk. Uw vaderlijk gemoed heeft hem zijn kwaad vergeven,
(1
.-ua.
ONZEN HEER JESUS CHRISTUS. 479
En met een troostvol woord beloofd het eeuwig leven.
0 woord, o minzaam woord ! o , zondaar, hoor het aan :
Laat het, tot uwen troost, u diep ter harte gaan !
Voorwaar, ik zeg u, heden zult gij met mij wezen in het Paradijs. Lucas XXVI, y. 45.
GEBED.
O liefde vol barmhartigheid,
Genade vol goedgunstigheid!
Gij die geen zondaar ooit verstoot.
Al zijn zijn' zonden nog zoo groot:
Hoor mijn belijdenis toch aan,
En laat mijn tranen tot u gaan.
Gij kent den grond van 's menschen hart,
Gij ziet door zijn verborgen smart.
Gij ziet dat ik op u vertrouw.
Vol hoop en tevens vol berouw.
Sta mij dan bij in stervens nood,
En schenk mij het leven na den dood.
HET DERDE WOOED.
ó Jesus ! uit een Maagd, tot ons geluk geboren, Die Gij uit duizenden van eeuwig hadt verkoren : Gij zaagt haar onder 'i kruis vol droefheid en verdriet,
Omdat haar aulk een Zoon, door zulk een dood verliet.
Joannes stond daar bij, ook uwen welbeminden;
480 DE ZEVEN WOORDEN VAN
Gij wildet hen te zaam met nieuwe liefde binden; Zij had een moederhart, en hij eens zoons gemoed; Zie wat een wonderwerk, wat woord van Jesus zoet. Zij zag haar liefste Kind voor hare oogen sterven, Om het menschelijk geslacht het leven te verwerven; En daar zij even kloek gelijk een rots bleef staan, Zoo spreekt Gij haar voor 't laatst met deze woorden aan :
Vrouw ! zie hier uwen zoon ; en daarna tot den Leerling ; zie hier uwe moeder. Joan. XIX. v. 26.
GEBED.
O droevige verandering,
O treurige verwisseling,
Helaas Maria, welk een lot!
Gij krijgt een mensch voor eenen God. O Jesus! ik bid U, door uw pijn.
Laat haar ook mijne moeder zijn;
'k Beveel me in uw Voorzienigheid , Met de allermeeste ootmoedigheid ;
Als ik op haar vertrouwen zal.
Moet ik niet vreezen voor den val;
'k Wil toonen, dat, met hart en zin, Ik haar als mijne moeder min.
HET VIERDE WOORD.
o Jesus, eeuwig Woord, geboren uit den Vader, Door wien de schepsels zijn en leren al te gader, Voor wien dat alles zwicht, en voor wieti oppermacht ,
ONZEN HEER JESUS CHRISTUS. 481 Zelfs aarde en hemel beven, en de ondermaansche kracht.
Gij, die nog slechts een kind, een nieuwe ster
deedt schijnen ,
Gij , die ziekte, pijn en onheil deedt verdwijnen , Gij, die de dooden zelts deedt opstaan uit het graf, Lagt hier, om mijnentwil, al uwe sterkte af. Om mij gehoorzaamheid tot 't laatste toe te leeren Zie ik uwe heerschappij in droeve klachten keeren; Gij laat van hout des kruis uwe bange zuchten gaan ,
En in mistroostigheid roept Gij den Vader aan :
Mijn God! Mijn God! waarom hebt Gij mij verlaten ? Marcus. XXV , v. :34.
Gebed.
O droeve en wonderlijke klacht!
Waar is, o Jesus, uwe macht?
Ik weet dat 't mijne zouden zijn,
Die U doen klagen in de pijn.
En dat Gij, die hier voor mij lijdt.
Zeer heilig en onschuldig zijt.
Ik, die de boosheid heb gedaan.
Ach, laat niet eens een traantje gaan! Vloeit oogen , weent, weent meer en meer , En zijt mistroostig met den Heer.
O Jesus! door dit uw verdriet,
Verlaat mij in den doodstrijd niet.
HET VIJFDE WOOED.
ó Jesus'! zoete naam! o voedsel van mijn wenschen !
31
482 DE ZEVEN WOORDEN VAN
o Liefde, troost en vreugd van engelen en men-schen,
Naar wien mijn ziele jaagt, als 't hert naar 't water doet,
o Schoonheid zonder end! o allerhoogste goed ! Als Gij genageld hingt aan voeten en aan handen, u Levende fontein! begon uw dorst te branden : Gij dorsttet naar mijn' ziel, Gij wenschtet naar mijn hart;
De dorst naar mijn geluk was oorzaak uwer smart; Alsof 't vergoten bloed, en al die open wonden. Van uwe zielemin, den dorst niet laven konden, ïoen riept Gij op het laatst, in dezen bittren nood, Met een gebroken stem, bij 't naken van den dood : iX- Aeb dorst. Joannes XIX, v. 28.
Gebed,
O zoete dorst, o lieve piju; Die wenscht met Jesus één te zijn ! O Jesus ! stook dien zoeten brand In mijne ziel van allen kant;
Dat ik voortaan niets meerder achte. Of nergens naar zoo vurig trachte. Dan U, o mijnen God en Heer, Te willen minnen meer en meer. Door U alleen wordt mijne lust En dorst van mijne ziel gebluscht; Want die U, Jesus, waarlijk mint, In U alleen genoegen vindt.
ONZEN HEER JESUS CHRISTUS. 483
HET ZESDE WOOED.
o Jesus, die de schuld van mijn ontelbre zonden,
Waardoor ik in de macht yan Satan lag gebonden. Betaald hebt met den prijs van uw onschuldig bloed : Wees duizendmaal gedankt, wees duizendmaal gegroet.
Het einde was nu daar van drie-en-dertig jaren, Die altijd vol verdriet, vol pijn en smarten waren; Het offer was gebracht, de vijand was geveld, 't Bedorven Adams zaad was nu bijna hersteld; Gij zaagt de bleeke dood met hare schichten naken; Gij wilt haar bitterheid tot mijn' verlossing smaken; Gij zegt het, o mijn God, 't is alles nu gedaan : Laat vrij dit krachtig woord tot 's hemels vierschaar gaan :
Het is volbracht. Joannes XIX. v. 30.
Gebed.
O Jesus! Gij zijt al ons goed,
Gij zijt de troost van ons gemoed,
Gij zijt ons leven, onze deugd,
'jij zijt de bron van onze vreugd,
Gij zijt de heiligheid alleen.
Gij Jesus ! maak ons dit gemeen :
Maak dat wij ook zijn kloek en sterk. Om te voltrekken 't groote werk,
Dat U heeft smart en bloed gekost,
Eer Gij den zondaar hadt verlost.
484 DE ZEYEN WOORDEN VAN Help ons dan raet uw sterke hand. En breng ons in het vaderland.
HET ZEVENDE WOORD.
ö Jesus, die, om ons de rechte baan te toonen Tót 't leven zonder dood en onverganklijk kroonen,
Na zoo veel druk en pijn, van kracht en bloed beroofd,
Op 't einde nog tot ons gebogen hebt uw hootd : Gij, die én dood, én hel, én zonde hadt vertreden, Hebt evenwel om hulp en bijstand hier gebeden, En riept met luider stem nog uwen Vader aan. Eer uw benauwde ziel zou uit het lichaam gaan; Niet dat daar reden was van vreezen of van beven. Voor hem, die door zijn dood den mensch moest
doen herleven.
Maar opdat hij U volg', die zich ten dood bereidt. Hebt Gij , tot onze les, dit laatste woord gezeid :
Vader! in uwe handen heveel ik mijnen geest. Lucas. XXIIT, v. 46,
- , , .''(I quot;â li 'â 'i
G e o e d.
, . Ittï / i -.10 tfl\
O dood, die Jesus hebt geveld, tris En lucht en aarde in ronw gesielci: :;n
m
O dood, o wonderlijke dood j Die ons TBoef helpen in den nood'tü»
O Jesus! .helpv mij mit de ipija.'iil'i-' at nUgt; Als ik ifr'sterveösöood zainzipn. jlyaa J jut
Maak dat dood-' in ioujiii ^ quot;veüstin d O tj:
â i' n
ONZEN HEER JESUS CHRISTUS. 485 Voor altijd zij zoo diep gepland )h'l-n! Dat ik voortaan met hart en zin,)!)!;»! otl De wereld niet, maar U bemin,! .h m gt;' Om zoo, door uw barmhartigheid, i- ü'-i Te leven in alle eeuwigheid. Amen. X 1
0 LI y 11 M
AANSPRAAK
illIO.N 1(9(1
van den gekruisten Jesus tot den mensch. 1
Mijn leven was voor u, mijn lijden eli mijn sterven;
Leef, lijd en sterf voor mij, zoo zult srij het leven erven. ' 'slt; 1
if:b 1(3
Sluitrede.
Laat blij, laat vrij de schepsels gaan, En zie des Scheppers liefde eens aan ; Die God vol liefde voor den mensch, Hangt, lijdt en sterft, naar liefdes wepsch. Ach, iu zulk een' gesteltenis,
Alleen de ware liefde is!
Ja, als ik alles wel bemerk.
Dan is hier niets dan liefdewerk;
De liefde doet hier ofierand',
Een offerande in liefdebrand.
De liefde spreekt, de liefde hoort, )
En buiten liefde niet één woord; ,^
En spreekt de liefde zevenmaal, 't Is zevenmaal de liefdetaal; . ut-ij
De liefde vraagt barmhartigheid, L r
4ci6 LITANIE TAX DEN De liefde dorst naar zaligheid;
De liefde van die liefde leeft, De moeder van die liefde geeft. En schoon de Vader, naar den schijn , Den Zoon verlaat in zijne pijn; De liefde blijft, en zij verlaat Den zondaar niet in zijn' misdaad ; De liefde noodt, en neemt met haar, In 't Paradijs den moordenaar;
En nadat de liefde heeft volbracht. Al wat ooit liefde heeft verwacht; De liefde geeft hier haren geest, En dat is liefde allermeest:
Want nooit de liefde meerder leeft, Dan als zij sterft en 't leven geeft.
LITANIE
VAN m H. m\m mponkmus.
Heer, outferrn U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm ü onzer. Christus, boor ons.
Christus, verhoor ons. God, hemelsche Vader, ontferm onzer.
.IT. JOAXXK-; NEFOMLrOEXUS. 48«
God Zoon, Verlosser der wereld
ontferm U onzer.
God, heilige Geest, Vertrooster,
ontferm U onzer.
Heilige Drievuldigheid, één God
ontferm U onzer.
Heilige Maria, bid voor ons. Heilige Joannes Neponmcenus, Kind van genade, door beloften
en gebeden verkregen, -Bij uwe geboorte door een H: wonderbaar licht vereerd, lt; Inuwe jeugd door de allerheilig- § ste Maagd won der haai1 genezen, c Gestadige, godvruchtige die- p naarvau het heilige sacrificie der Mis,
Troost en blijdschap van uwe
deugdzame ouders,
Voorbeeld van zedigheid en
godsvrucht,
Groote minnaar van de heilige
Moeder Gods,
Maagdelijk naar ziel en lichaam,
488 LITANIE VAN DEN Zeer machtig en voorzichtig in
spreken, bid voor ons. Spiegel der deugd en heiligheid,
Onberispelijke priester in al
uwe zeden,
Apostolische man,
IJveraar voor de zaligheid uwer
naasten,
Leeraarder evangelische waarheden ,
Toe vlucht der boetvaardige zondaren ,
Uitroeier der ketterijen, Versmader der wellusteu, rijkdommen en eerzucht,
Zeer milde aalmoezenier. Vader der armen.
Beschermer der weduwen en
weezen,
Troost der bedrukten.
Vijand van alle twist en tweedracht ,
Middelaar in twistgedingen,
H. JOANNES NEPOMUCENUS. 489 Volmaakt voorbeeld der biechtvaders, bid voor ons. Onoverwinbare voorstander van
het geheim der biecht,
Kloeke beschermer der kerkelijke wetten.
Wonder van geduld,
Vrome held in pijnigingen, Standvastige navolger van den 5?
gekruisten Jesus, ^
Profeet, vervuld van den geest ^ Gods, ^
Eerste martelaar om de be- g waring van bet zegel van v bet Sacrament der biecht, Klaarbiinkende Ster van het
rijk van Bobeme,
Kostbare schat van de stad Praag,
Groote vriend Gods, vermaard door menigvuldige wonderen,
Getrouwe dienaar Gods, vereerd door de wonderbare onbeder-
40;/ LITANIE VA:: DEN
felijkheid uwer tong, bid voor ons.
Beschermer voor die in gevaar zijn hunnen goeden naam te verliezen, bid voor ons.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons. Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, verhoor ons, Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer, v. Bid voor ons; heilige Joannes
Nepomncenus,
r. Opdat wij waardig worden der beloften van Christus.
GEBED.
God, die om de onoverwinbare stilzwijgendheid van den heiligen Joannes in het Sacrament der biecht, uwe Kerk met eene nieuwe kroon des marteldoms vereerd hebt: geef ons, door zijne voorspraak en voorbeeld, de tong voor-
H. JOANNES XEPOLIUCENCS. 4Si zich tig te bewarexa, en liever alle straffen op deze wereld, dan eenig verlies der ziel te lijden; door onzen Heer Jesus Christus, uwen Zoon, die met U leeft en heerscht, in de eenheid des heiligen Geestes, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
Gebed tot God den Vader.
Almachtige God, die den kui-schen Josef van de valsche beschuldiging, cie heilige Susanna van alle schandvlekken , den koning David van Saul's vervolging verlost hebt : verleen ons, door den heiligen Joannes Nepomucenus, die de eer des naasten tot den dood toe heeft voorgestaan, dat wij in dil leven van alle oneer, en in den dag des oordeels van de eeuwige schande bevrijd worden: door onzen Heer Jesus, enz.
Gebed tot God den Zoon.
Jesus, Zoon Gods, ontvangen van
492 LITANIE VAN DEN den heiligen Geest, die door den heiligen Josef, uwen voedstervader , de wonderlijke waardigheid van uwe Moeder en Maagd bewaard hebt: maak dat wij, in gevaar van eenige lastering te lijden, den heiligen Joannes Nepomuceuus tot beschermer van onze eer mogen hebben : die leeft en heerscht, met den Vader en den heiligen Geest, enz.
Gebed tot God den heiligen Geest.
God, beilige Geest, die iu de gedaante van vurige tongen nederdalende over de Apostelen, huu geleerd hebt altijd heilig en naar waarheid te spreken: geef ons, dat wij, naar het voorbeeld vanden H. Joannes Nepomncenus, onzen naaste met woorden mogen stichten, en alles verzwijgen hetgeen tot zijn nadeel kan strekken: die leeft en heerscht, met den Vader en den Zoon, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
H. JOANNES NEPOMUCENUS. 493
Aandachtig gebed lot den H. Joannes Nepomucenus, zeer krachtig in allen nood en tegenspoed.
Zalige Joannes Nepomucenus, mau naar Gods hart, die het geheim der biecht, niettegenstaande de moeielijkheid des kerkers, ja ze) fs des doods , onverbreekbaar hebt gehouden, en om uwe groote medelijdendheid tot den arme, dea naam bekomen hebt van groo-ten aalmoezenier : ik neem tot u mijne toevlucht als de armste der armen, opdat Gij, in de hemelsche glorie zijnde, mij door uwe voorbiddingbij God wilt te hulp komen, en hem mijne verborgene noodwendigheden te kennen geven; opdat ik geen sch ipbreuk lij de in vermogen of naam, en niet de spijt mijner vijanden, de droefheid mijner vrienden, of de ergernis van anderen worde ; welke genade ik
494 LITANIE VAN DEN door uwe voorbidding- hoop te bekomen, en God in u, en u in God wil loven. Amen.
Bid hier driemaal, het Onze Vader en Wees gegroet, enz.
Verheerlijkt zij God en de zalige Joannes Nepomucenus, loffelijk en roemwaardig daar boven in de eeuwigheid.
Zeer krachtig gebed., om door de voorspraak van den heiligen Joannes Nepomucenus, van God behoed te worden tegen alle oneer en openbare schande.
0 God, aan wien atie(jn alle eer en roem toekomt: ik hid U, door de roemrijke verdiensten van den heiligen martelaar Joannes Nepomucenus, mijnen zeer beminden beschermer, dat Gij U yerwaardiget, barmhartig van mij, mijne vrienden, weldoeners en vijanden alle oneer en openbare schande af te
H. JOANNES NEPOMUCENUS. 495 keereu, van welken kant die ons mocht overkomen : en vergun ons de tijdelijke eer zoo te gebruiken , dat wij, duor een waarachtig leedwezen over al onze zonden, de eeuwige schande verdienen te ontgaan, en gesteld worden in de he-melsche glorie; door onzen lieer Jesus Christus, uwen lieven Zoon, dieons door den schandelijken dood des kruises verlost heeft van de eeuwige schande, en nu met U leeft en heerscht, God in eeuwigheid der eeuwigheden. Amen.
Gebed toi den H. Joannes Nepomucenus.
Joannes, die zijt Glodes vriend,
En Jesus hebt getrouw gediend;
Die, om het zwijgen van de biecht.
Hebt moeten sterven zonder plicht .⢠Het loon, dat gij daardoor verwerft,
Is dat gij het hemelrijk beërft.
U roep ik aan, o heilige man !
En als ik niet meer leven kan.
Verkrijg mij dan, door uw gebed. Dat mijne ziel zij onbesmet,
496 LIT. VAN DEN H. JOANNES NEP.
En dat zij moge zuiver zijn,
Als ik voor 't oordeel Gods verschijn.
O allerminzaamste Jesus, die uwen heiligen martelaar Joannes Nepomucenns, voor mij en alle benauwde zielen, wegens de biecht, tot een voorspreker bij U verkoren hebt : ik bid U ootmoedig, door de groote genade die Gij hem verleend hebt, en door zijne heilige verdiensten en krachtige voorspraak, wil mij in alle schande, benauwdheden en ontsteltenissen van mijn geweten, eene ware hulp en licht verkenen; opdat ik wegens mijne zouden niet meer verward en beschaamd mag wezen, maar integendeel dezelve mag kennen, onderscheiden en belijden, mijn leven mag beteren, en ü, mijnen God, in alle rust des gewetens mag dienen, en tot de eeuwige zaligheid geraken; door onzen Heer Jesus Christus, die met U leeft en
TOT VEESCH. HEILIGEN. 497 heerscht in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
GEBEDEN.
In deze Gebeden kan men den naam des Heiligen, wiens voorspraak men verzoekt, tusschenvoegen.)
ó Heer Jesus Christus, door wiens leer en voorbeeld uw belijder N. N. ooimoedig en zaehimoedig geworden zijnde, rust en vrede voor zijne ziel in Uitleven verworven heeft: verleen ons de genade, dat wij hier aldus zijne voetstappen navolgen, en eindelijk lot de plaats der eeuwige rust mogen geraken; die leeft en heerscht, met den Vader en den heiligen Geest, in de eeuwigheid der eeuwigheden. Amen.
Antiphone.
O gelukzalige maagd N. N., bruid van Christus, die verdiend hebt het hemelrijk te bekomen en met Chris-
33
498 GEBEDEN TOT tus te heerschen; heerlijke parel! bid voor ous bij den Heer, bid voor ons, o zalige N. N.
Gebed tot God den Vader.
Bewaar ons allen in uwe liefde, o Heer, dit smeeken wij, uwe dienaren en dienaressen, door de voorspraak vau de zalige maagd en martelares N.N.; en verleen ons dat wij verdienen mogen, door kare voorspraak, mede deelactitig te worden aan de hemelsche vreugde: door Christus onzen Heer, die met den Vader en den heiligen Geest leeft en lieerscht, in de eeuwigheid der eeuwigheden. Amen.
Gebed tot God den Zoon.
ö Heer Jesus Christus, die door de verdiensten van uw allerbitterst lijden en dood, uwen martelaar N. N. genoegzame genade verleend hebt om zijn bloed voor uwen heiligen
VEESCHEIDENE HEILIGEN, 499 naam te storten : verleen ons genadig, dat wij door den overvloed uwer verdiensten en door de voorspraak van uwen martelaar, uwen naam mogen belijden , en uwe versterving, o Jesus, in ons lichaam mogen dragen : die leeft en heerscht, met den Vader en den heiligen Geest, in de eeuwigheid der eeuwigheden. Amen.
o Jesus Christus, Zoon van den levenden God! door hK voorbidden van den heiligen N.N. ontferm U mijner.
Godvruchtig gebed.
Eer den Vader, God almachtig.
Eer den Zoon, en den Geest waarachtig, Die uit liefde ons steeds bevrijdt.
Door den Zoon, die voor ons lijdt.
Zegen allen, klein of groot,
Geef ons spijs en het dagelijksch brood; Geef ons wat ons is van nooden ,
Om te volgen uw geboden.
'k Dank U, God, die 't menschdom spijst, £n ons liefde en min bewijst.
0oto:o:ouo(
LITANIE VAN DE GODDELIJKE VOORZIENIGHEID.
God roept den mensch, maar dwingt hem niet. Hij heeft de keus hem vrijgegeven , Van goed en kwaad , van dood en leven; Hij roept, hij noodigt, hij gebiedt: Die met wd zien, of niet wil hooren.
Gaat door zijn eigen schuld verloren.
Heer, oatferm U onzer. Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Jesns Christus, hoor ons.
Jesus Christus, verhoor ons. God, hemeische Vader, ontferm
U onzer.
God Zoon, Verlosser der wereld, God, heilige Geest,
Heilige Drievuldigheid, één God, Voorzienigheid Gods, waardig voorwerp van de liefde der engelen en menschen, Voorzienigheid Gods, bestuurd
LIT. VAN DEGODD. VOORZIENIGE. 501 door het hart van Jesus Christus, ontferm U onzer.
Die alles bestuurt naar getal, gewicht en maat.
Hoop der zaligheid,
Troost van de reizende zielen.
Weg des hemels,
co Getrouwe leidster der ziel in O ^ alle gevaren, om ons die ^ 0 te doen ontkomen, ^
^ Waardige uitdeelster der 5 genaden, d
'S Hoop van de verlaten zon- g â¢| uaars, g
c Onuitputtelijke schat van gt; alle goed.
Steun der rechtvaardigen. Toevlucht der eliendigen, Toeverlaat in allen nood. Kalmte in storm en onrust, Rust des harten,
Schuilplaats der bedrukten. Krachtig hulpmiddel tegen
502 LITANIE VAN DE
alle soort van kwalen, ontferm U onzer.
vï Voedster dergenen, die hon-= ger hebben, §
^ Bronader van verkoeling, ^ *£ Steun der armen, g
quot;ie. Onderhoud der weduwen ^ '3 en weezen, 0
'g Goddelijke eigenschap, aan | § welke onze eerbewijzing f? gt; en aanbidding toekomt, Lam Gods, dat wegneemt d^ zonden
der wereld, spaar ons. Heer. Lam Gods, datwegneemtdezonden der wereld, verhoor ons, H^er. Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm ü onzer. Jesus Christus, hoor ons.
Jesus Christus, verhoor ons.
Onze Vader, enz.
v. Wij verheffen, o Heer, uwe voorzienigheid.
r. En wij onderwerpen ons aan hare besluiten.
GODDELIJKE VOORZIENIGHEID. 503 GEBED.
O eeuwige God, die U verwaardigt de oogeo uwer Voor-I zienigheid op ons te slaan, om ons te besturen, hoe onwaardig wij ook zijn; verleen ons de genade, dat wij ons zoo geheel aan al de geheime werktuigen van diezelfde Voorzienigheid over ons, gedurende den veranderlijken loop van dit leven overgeven, dat wij tot de onveranderlijkheid der hemelsche goederen mogen geraken. Door onzen Heer Jesus Christus. Amen.
GODVHUCHTIG GEBED
om alles te verzoeken ivat de zaligheid betreft, hetwelk Prins Euqenius van Savoijc qevjoon tv as dagelijks te bidden.
Mijn God! ik geloof in U, versterk mijn geloof; ik hoop op U, verzeker mijne hoop; ik bemin U, verdubbel
504 GEBEDEN OM VEESCHEIDENE mijne liefde; het berouwt mij gezondigd te hebben, vermeerder mijn berouw.
Ik aanbid U, als mijn eerste beginsel ; ik verlang naar U, als naar mijn laatste einde; ik bedank U, als mijnen eeuwigen weldoener; ik aanroep U, als mijnen oppersten beschermer.
Mijn God! gewaardig U mij te besturen door uwe wijsheid, mij in te toomen door uwe rechtvaardigheid, mij te troosten door uwe barmhartigheid, en mij te beschermen door uwe macht.
Ik offer ü. God, mij ne gedachten, mijne werken, mijn lijden op; dat ik in het toekomende mag denken op U, mag spreken van U, raag werken voor U, en mag lijden voor U.
Heer! ik wil al hetgene Gij wilt, omdat Gij het wilt, gelijk Gij het wilt, en zoo veel als Gij het wilt.
Ik bid U, verlicht mijn verstand
DEUGDEN TE VERWEE VEN. 505 ontsteek mijnen wil, zuiver mijn hart en heilig mijne ziel.
Mijn God! moedig mij aan, om mijne begane zooden te boeten, om (ie driften die mij onbetamelijk zijn te verbeteren; vervul mijn hart mei liefde voor uwe goedheden, met afkeer van mijne gebreken, met ijver voor den evenmensch, en met verachting der wereld.
Dat ik onderdanig moge zijn aan mijne oversten, vriendelijk jegens mijne vijanden , getrouw aan mijne vrienden, liefdadig jegens mijne onderdanen.
Ach God! kom mij te hulp, opdat ik de vermaken dezer wereld overwinne door versterving, de gierigheid door aalmoezen, de gramschap door zachtzinnigheid, en de flauwheid des harten door godvruchtigheid.
Mijn God! maak mij voorzichtig in mijneondernemingen, kloekmoedig
506 GEBEDEN OM VEïiSCHEIDENE in gevaren , geduldig in tegenspoed, en ootmoedig in voorspoed.
Dat ik, o Heer, nooit vergete, de aandacht te voeden bij mijne gebeden, de matigheid bij mijne maaltijden, de nauwgezetheid bij mijne bedieningen, de standvastigheid bij mijne voornemens.
Heer! laatmij waakzaam zijn, om altijd te hebben een oprecht gemoed, eene uitwendige zedigheid , een en stichtelijken omgang, eeue geregelde levenswijze; dat ik zonder ophouden er mij op toelegge , om de ïiatuur te dempen, om mede te werken met de genade , om de wet te onderhouden , en om de zaligheid te verdienen.
Mijn God!laat ik altijd vooroogen hebben, de geringheid van de aarde, de grootheid van den hemel, de kortheid van den tijd, en de langdurigheid van de eeuwigheid.
Maak dat ik mij bereide tot den
DEUGDEN TE VERWERVEN. 507 dood, dat ik uw oordeel vreeze , de hel ont^a eu den hemel bekome; door de verdiensten van mijnen Zaligmaker Jesus Christus. Amen.
Krachtige verzuchtinqen tot God.
Heer! ^eef dat ik op U denke, U kenne, U beminne; dat uwe gedachtenis de schat zij van mijn geheugen; de kennis vauU, het leven van mijn verstand; eu de liefde tot U. het leven van mijn hart.
Geef dat ik met waarheid mag Zeggen : ik heb gezegd, nu begin ik', het is van daag, mijn God, dat ik begin U te beminnen eu te dienen.
Maar Gij kent mijne zwakheid, mijne onstandvastigheid en de boosheid van mij n hart: dat dan, o Heer, uwe genade mij voorkome, verge-zelle en volge in al mijne gedachten, woorden en werken, opdat ik LF eeregeve volgens uwen heiligen wil.
O mijn God! vergeef mij al mijne
508 GEBEDEN OM VERSCHEIDENE zonden ; ik verfoei die uit geheel mijn hart, uit liefde tot U; en om daarvoor te voldoen , offer ik U op bet leven, het bloed en den dood van uwen Zoon Jesus.
Zuiverheid van mijnen God, maak mij zuiver; heiligheid van mijnen Gud, maak mij heilig; goedheid van mijnen God, maak mij zaiigdoor uwebarmhartigheid ,mij dien Gij kunt verdoemen door uwe rechtvaardigheid.
Ach, mijn God! indien de men-schen U kenden, zij zouden U nooit vergrammen. Al de harten zijn in uwe handen; Gij kunt de aller-hardnekkigste buigen en de allerhardste verzachten: geef heden de eer aan het bloed en den naam van uwen Zoon.
Dat alle volkeren der aarde U kennen, o mijn God! dat zij U aanbidden, U beminnen in den tijd en in de eeuwigheid.
DEUGDEN TE VERWERVEN. 509 Aan God alleen zij alle eer en roem , in de eeuwigheid der eeuwigheden.
Om spoedifj tot de volmaaktheid te geraken , moet men altijd waken, altijd hidden, en altijd zich zeiven overwinnen.
I i ,1
GEBED
hetwelk een Chrisien atle dagen may lezen , om aan God het gevoelen te verklaren, hetwelk men loenscht te hebben in het oofjen-hlik des doods; in welk gebed de oefening van de allerhoogste deugden begrepen zijn , bijzonder van een waarachtig berouw over de zonden, en van eene volmaakte liefd.e tot God.
Mijn Heer en mijn God ! in de onzekerheid waarin het U belieft dat ik leve, aangaande den tijd, de plaats en de wijze van mijn sterven, aanbid ik de schikkingen uwer Voorzienigheid , over al hetgeen
510 GEBEDEN OM VERSCHEIDENE Gij van alie eeuwigheid hebt gelieven te bepalen; en dewijl ik niet weet hoedanig het gevoelen mijner ziel alsdan zal wezen , zoo doe ik beden, hetgeen ik wensch alsdan gedaan te hebben, en ik bidU, dat Gij alsdan gelieft aan te nemen en voor goed te houden, wat ik heden aan U verklaar.
Ik bedank U, mijn Heer en mijn God , nu reeds, voor dat laatste oogenblik van mijn leven, waarin ik, misschien beroofd zijnde van spraak en rede, niet meer zal kunnen spreken noch aan Udenken. Ik bedank ü, zeg ik, ten eerste: dat Gij mij door uwe oneindige goedheid het leven geschonken hebt,daar Gij mij in mijn niet hadt kunnen laten; ten tweede:dat Gij mij in eene Christelijke eeuw hebt latengeboren worden , in een land waar uw heilige naam verheerlijkt wordt, daar Gij mij hadt kunnen laten geboren
DEUGDEN TE VERWERVEN. 511 worden in eene heidensclie eeuw en UD^eloOvig land ; ten derde : dat Gij mij door den heiligen doop hebt laten herboren worden, daar Gij mij in het lichaam mijner moeder, gelijk zoo vele anderen, hadt kunnen laten sterven, alvorens ik den-zeiven ontvangen hadde.
Ik aanbid U,u mijn God! Gij zijt th- oorsprong van mijn leven, volgens de natuur; de oorsprong vau mijne wedergeboorte, door de genade; het laatste einde van mijne ziel, en mijn uiterste geluk in de h eer lij k hei d. G ij zi j t d e eerste w aar-beid : daarom geloof ik vastelijk al heigeen Gij hebt gezegd. Gij zijt de opperste getrouwheid; van Uhoop ik zonder ophouden, hetgeen Gij hebt beloofd. Gij zijt de hoogste goedheid; ik bemin U uit geheel mijne ziel, dewijl Gij alleen alle liefde waardig zijt. Gij zijt, o mijn God, Vader, Zoon en heilige Geest,
512 GEBEDEN OM VERSCHEIDENE één in wezen, en drievuldig in personen, die raij door een uitwerksel van uwe almacht geschapen hebt; die mij vrijgekocht hebt door de uitmuntende liefde uwer goedheid; die mij geheiligd hebt door de genade des heiligen Geestes , welke Gij in mijne ziel hebt ingestort; die mij door de besturing van uwe Voorzienigheid hebt geleid, en die mij hebt voorbeschikt om aan uwe heerlijkheid deelachtig te zijn.
Daarom hebt Gij mij in den schoot der heilige Kerk, uwe bruid, aangenomen; Gij hebt mij verlicht met uw allerklaarste licht; Gij zijt mij voorgekomen door uwe almachtige genade; Gij hebt mijn hart met de teederste bewegingen uwer liefde geraakt, mij aldaar uw allergrootste Sacrament bereid, mij gespijsd met het allerheiligste Lichaam van Jesus Christus, uwen eenigen Zoon, mijnen Verlosser;
DEUGDEN TE VERWERVEN. 513 en Gij hebt zoo dikwijls de genade en de gaven van zijnen goddelijkea Geest in mijne ziel gestort.
O welk eeneliefde, welke weldaden, welk een gel uk, welkeene genade voor mijne arme ziel, die voor zoo vele aan haar bewTezene weldaden, (van welke aan U alleen het getal en de waarde bekend is) in haar geheele leven niets anders vindt dan goddeloosheid, ongetrouwheid, boosheid en misdaden, die het getal mijner harenen mijne dagen te boven gaan.
Maar, o Heer! hoe meer schande het voor mij is U te hebbea vergramd, zoo veel te heerlijker is het voor U aan mij vergiffenis te veiieenen; en voor de zonden die gelijk de mijne talloos zijn, is er eene barmhartigheid noodig, gelijk de uwe is.
Ook neem ik, mijn Heer en God, mijne toevlucht tot uwe oneindige
33
514 GEBEDEN OM VERSCHEIDENE barmhartigheid, vol van leedwezen , dat ik U zoo lang vergramd, zoo laat gekend en zoo Aveinig bemind heb; en ware het dat ik maar dit oogenblik overig had, ik zou liet besteden om U te beminnen, o mijne opperste goedheid, omdat Gij het zijt, en omdat Gij alleen de aanbidding en liefde van al uwe schepselen verdient.
Het is ter uwer liefde alleen, a eeuwige liefde, die altijd ten hoogste beminnelijk zijt, en nimmermeer genoeg bemind kunt worden, dat ik al de zonden van mijn leven verzaak, omdat zij tegen uwe godde-lijke heiligheid strijden; en ik verzaak deze zonden, om dezelfde beweegreden, om welke mijn Heer Jesus Christus dieheeft verzaaktin zijnen doodstrijd in het holje; en om dezelfde beweegreden, om welke Gij, mijn God: Vader, Zoon, en heilige Geest, één in wezen en
1
DEUGDEN TE VERWERVEN.
drievuldig in personen. dezelve verzaakt: U opdragende, tot vergoeding van het ongelijk hetwelk mijne boosheden U hebben aangedaan , de liefde van alle rechtvaardigen op aarde, de liefde van alle engelen en gelukzalige zielen in den hemel, de liefde met welke mijn Verlosser Jesus Christus zelve U bemint, en de liefde met welke Gij, mijn God, U zelveu van alle eeuwigheid, zonder ophouden bemint, en U zelveu gedurende de geheele eeuwigheid zult beminnen.
En tot voldoening voor al de zouden van mijn leven, zoo aanvaard ik den dood, als een schuldige aan gekwetste majesteit, dien Gij rechtvaardig hebt verwezen om te sterven; ik aanvaard de vernietiging mijns lichaams, hetwelk de oorzaak is geweest van zoo vele ongerechtigheden eu zonden; ik aan-
516 GEBEDEN OM VERSCHEIDENE
vaard de vernietiging van mijn ge- 1
heele wezen, tot erkentenis van de die
opperste heerschappij, die Gij over da1
mij hebt: ik aanvaard alle veria- nie
tingen, alle benauwdheden, alle gii bitterheden, alle pijnen, alle beko-
ringen en alle kwaad, (uitgenomeo ter
alleen dat van te zondigen en van . zie
U te vergrammen) tot voldoening 'ia
aan uwe goddelijke majesteit. zij
E ii niets meer v er mogen de, mij n ge
Heer en mijn God, ik bid U, geliei vo te gedenken, dat ik het maaksel
uwer handen, de prijs van uw da
bloed , de vrucht van uw kruis. te'
het pand van uwen dood en het zo
uitwTerksel uwer liefde ben. w
Met uwen dood en uwe liefde ver- ht
eenig ik de mijne; betuigende dat ik st
geene gevoelens aanvaard, dan die m
van het geloof uwer Kerk; dat ik bs
geen bewegingen begeere, dan die v( van de hooj) op uwe verdiensten.
en van de liefde uwer goedheid, ! h
^ ^â
DEUGDEN TE VERWERVEN. 517 ge- Is het dat er iets tegenstrijdigs i de dien aangaan de aan mij overkorae , ver dat herroep ik, en houd het voor rJa- aiet, en ik wil dat de laatste bewe-iiie ^ing mijns harten eene beweging ko- van aanbiddingzij, dieaanü erken-aeo tenis van mijn wezen doet, aange-^an . zien dit aan U meer toebehoort ing dan aan mij, en dat het te zameii zij eene beweging van liefde, welke lijn gedurende de geheele eeuwigheid lief volharde met U te beminnen. ;sei Het is wei waar, o mijn God. uw dat ik, desniettegenstaande, groo-lis. telijks vreeze, omdat mijne zonden het zoo groot en menigvuldig zijn, en uwe oordeelen zoovreeselijk; maar er- het is ook waar, dat, niettegen-tik staande al mijne vrees, mijne hoop die nog grooter is, aangezien Gij de ik barmhartigheid zelve zijt, dat Gij die vergeeft zonder einde, en dat Gij gein . 1 heel barmhartig en de barmhartig-â id. | beid zelve zijt, en alles vergeeft.
518 GEB. OM VERSCHEIDENE, ENZ.
Vol van dit vertroostend en zoet betrouwen op ü, hoop ik uwe goederen te zien in het land der levenden, van welke Gij de verrijzenis en het leven zijt; daarom, na op nieuw uwe almacht aangebeden te hebben, die mij heeft geschapen , uwe Godheid die mij heeft verlost, uwe wijsheid die mij heeft bestuurd, uwe barmhartigheid die mij zoo veel heeft vergeven; zoo aanbid ik ook uwe rechtvaardigheid , en geef mij geheel aan haar over, voor dien oogenblik hetwelk zij heeft gesteld om mij te oor-deelen.
En ik geef mij aan haar geheel over, met het vertrouwen dat uwe goedheid mij niet zal verlaten, ja dat die zelfs voor mij zal aiatwoor-den aan uwe rechtvaardigheid, en dat ik in eeuwigheid uwe barmhartigheid mag loven. Amen.
LITANIE tot de heilige Drie-Koningen.
Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Ciiristus, hoor ons.
Christus, verhoor ons. Goi, hemelsche Vader,ontl'.ü onz. God Zoon, Verlosser der wereld,
ontferm IJ onzer.
God.heilige Geest, ontferm ü onzer. Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Maria, Koningin derkoningen bid voor ons.
Heilige Josef, bid voor ons. H. Koning Caspar, bid voor ons. H. Koning Melchior, bid voor ons. H. Koning Balthazar, bid voor ons. H. Drie Koningen, bidt voor ons. Patriarchen der geloovigen, bidt voor ons.
520 LITANIE TOT DE Voorgangers van de heidenen, bidt
voor ons.
Vorsten van het volk.
Wier verlangen was naar Jesus, Wierwenschen waren naar Jesus, Wier volmaakte vreugd Jesus is, Zeer mild in offeranden,
Spiegel der deugden,
Die bet goddelijk ingeven, door eene wonderster hebt aau-genomen, _
J)ie aan de stem Gods gehoor- g zaam zijt geweest, ^
Die uwe lauden, uit liefde en lt; om den heraelschen Konirg 2 te zoeken, hebt verlaten, o Die de moeite en gevaren der p
reis niet hebt gevreesd . Die den nieuwgeboren Koning-
te Jeruzalem hebtgezocüt. Die door de schriftgeleerden van den Messias zijt onderricht, Die van Herodes naar Bethlehem zijt gezonden.
H. DRIE KONINGEN. 521 J)ie ii verheugd hebt, toen gij de ster buiten Jerusalem weder-zaagt, bidt voor ons.
Die de ster zijt gevolgd, tot de plaats waar hetKind met zijne Moeder was, Die nederknielende, het Kind
hebt aangebeden,
Die uwe schatten open doende, S ^oud, wierook en mirrhe ^ hebt geofferd, ^
Die door uwe geheimvolle gif- ê ten het kind Jesns hebt ver- r klaard tewezen Koning, God p en Mensch,
Die ons door uw voorbeeld een voorbeeld der deugden hebt gegeven,
Die ons hebt geleerd het goud van lieide, den wierook van het gebed, en de mirrhe van geduld aan God op te dragen,
Die na de aanbidding en offer-
522 LITANIE TOT DE
ande, de heilige Moeder en Josef hebt gegroet, bidt voor ons. Die, door een Engel in den slaap S vermaand zij nde, langs eenen anderen weg naar uw land zijt ^ teruggekeerd,
Die hierdoor Herodes wijsselijk = hebt bedrogen, p
Heilige Drie Koningen,
AVij zondaars, wij bidden u, verhoort ons.
Dat gij ons een waarachtig leedwezen wilt verwerven, wij bidden ii, verhoort ons.
Dat gij ons in uwe bescbermiag verwaardigt aan te nemen, wij bidden u, verhoort ons.
Dat gij ons met den Koning der koningen wilt verzoenen, wij bidden u, verhoort ons.
Dat gij ons het goud van liefde, dea wierook van gebeden, de rairrhe van versterving wilt verkrijgea? wij bidden u, verhoort ons.
h, drie koningen. 523 Dat wij, door uw voorbidden, zonder vrees het geloof van Christus mogen belijden, wij bidden u, verhoort ons.
i jam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar ons. Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zo oden der wereld, verhoor ons. Heer. I .am Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, ontferm U onzer. Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Onze Vader, enz.
y. Het zijn drie kostbare giften. e. Die de Wijzen den Heer hebben geotterd.
v. De koningen van Tharsis en vandeeilanden zullen giften offeren.
e. De koningen van Arabië en Saba zullen gaven brengen.
524 VERNIEUWING VAN DE Gebed.
o God, die de Wijzen uit het Oosten hebt aangespoord, dat zij uwen Zoon te Bethlehem zouden eeren en aanbidden : wij bidden U, dat Gij ons door hun voorbidden wiltver-leenen, denzelfden uwen Zoon, dagelijks goud van liefde, wierook van gebeden, en mirrhe van versterving te offeren; door denzelfden JesusChristus, onzen Heer. Amen.
=âlt;ss*-= VERNIEUWING van de heiligmaking des Doopsels.
Mijn Heer en mijn God! ik aanbid U om uwe oneindige waardigheid, goedheid en liefde voor mij, van mij door het goddelijk Sacrament des doopsels voortgebracht te hebben, en mij van een kind der duisternis, een kind van Adam, in een kind Gods herschapen te hebben.
HEILIGMAKING DE8 DOOPSELS. 525
Ik dank ü oneindig, dat Gij as- mij zoo hartelijk tot uwen goddelij -en ken dienst geheiligd hebt, door het en verloochenen dat Gij mij in dien Jij gelukkigen dag hebt laten doen, aan de wereld, aan den duivel, a- vorst dezer wereld, en aan al zijne
ijdelheden en booze werken. igt;- Mijne ziel looft U, en zal U in in eeuwigheid verheerlijken, omdat o. Gij haar niet het goddelijk zegei der allerheiligste Drievuldigheid geteekend, en mij vereenigd hebt met dat verholen lichaam van den Heere Jesus, makende mij een I- waarachtig lidmaat van Jesus.
ö Mijne ziel! gij zijt door uwen , doop aan de allerheiligste Drievuldigheid teegeëigend, en hebt u ver-e plicht, door de verbintenis die gij y met God zei ven hebt aangegaan, a om naar het eeuwige Woord des Yaders, te weten naar Jesus te leven, en diensvolgens te leven
526 VERNIEUWING VAN DE geheel heilig, vol van liefde en eer, en in alles volmaakt; zeer heilig, door afscheiding van de wereld, welke gij verloochend hebt; geheel goddelijk, door de christelijke genade die ii gegeven is in den doop; vol van liefde door de vereeniging met Jesus, in de vereeniging nws harten met zijn minzaam hart; vol van eerbied, door de gedurige erkentenis van het deugdzaam leven van Jesus: geheel volmaakt, door de navolging van het leven des Heeren Jesus.
Ik vernieuw heden, o mij n Jesus, mijne heiligmaking des doopsels, en alles wat er mij geschied is in den doop; ik vernieuw in persoon al hetgeen ik door mijne doopbor-gen op dien dag gedaan heb.
Ik vernieuw plechtig de drievoudige verloochening in den doop gedaan, en zeg, o Jesus! van ganscher harte .* ahrenuntio ik
HEILIGMAKING DES DOOPSELS. 527 Terzaak de zonden, en ik zeg voor de derde reis, met eenen vasten wil, ik verzaak de wereld, met ai hare dwaasheid en ijdelheden.
ik vernieuw de overgeviug van mij zei ven en mijne toeeigen ing aan God, drievuldig in personen en één in wezen, aan wien ik toebehoor, vanwien ik hen geschapen; al mijn leven wil ik hem toebehooren, en begeer in eeuwigheid van zijne opperste heerschappij al' te hangen.
ik vernieuw de belijdenis, in den doop gedaan. om naar het leven van Jesus te leven, en hem te volgen in het dragen van het kruis, met een voornemen van deugdzaam te leven, navolgende het leven van Jesus , en ter eere van zijn goddelijk lijden, door het geduldig verdragen van allen tegenspoed. Ik vernieuw voor den voet des altaars mijne vereeniging met U, o mijn Jesus, door den
528 VERNIEUWING VAN DE doop, zoo meuigmaal door de nut-liging vau uw Lichaam in het heilig Sacrament bevestigd, met dea vasten wil nooit van U te scheiden. Versterk mij, o mijn goddelijke Jesus, in die vereeniging, en hecht mij zoo vast aan U, dat mij looit iets van U kan losrukkeE, m dat ik leve en sterve in deze vereeniging, om die te genietea in eeuwigheid. Amen.
De goede dag aan den goeden God.
Almachtige, eeuwige God' ik draag ü op, uit den grond mijns harten, al de heilige MisoiTeranden, die van daag de geheele wereld door zullen worden gedaan, ter uwer eere, tot roem van de zegevierende, tot bijstand van de strijdende, tot iroostvan de lijdende Kerk, en voor iie zaligheid van alle geloovigen En na duizende dankzeggingen aan uwe Majesteit, omdat Gij mij
HEILIGMAKING DES DOOPSELS, 529
dezen nacht hebt willen bewaren, zoo offer ik u ook, uit het diepste van mijne genegenheden, en vol, vertrouwen, als deminstevan uwe schepsels, al mijne werken van dezen dag, goede eo kwade; de goede, opdat Gij mij de genade doet ze tot uwe eer te verrichten; de kwade,, indien ik het ongeluk mocht hebbea van daarin te hervallen, tot mijne verootmoediging. En aangezien ik zie, Heer! dat het onmogelijk is dit ellendig leven te eindigen zonder tegenspoed en ongelukken, vraag ik niet,mij n god d el ij ke Meester, van die welke mij langs alle kanten overvallen verlost te zijn, mits zij dienstig zijn tot uwe eer, tot zaligheid van mijne arme ziel, tot stichting van den evenmensch , tot be-keering der zondaren, en tot lafenis der geloovige overledenen; maar ten minste, groote God! verleeri mij, bid ik ü, de genade, mij te be-
530 VERNIEUWING VAN ENZ. schermen tegen de ware en eenige ellende, namelijk de zonde, tot welke ik zulkeeneonverwinnelijke genegenheid heb, dat ik alle oogen-blikkeu zondevallen, indien ik niet door ii we genade ondersteund werd. En wat het overige aangaat, Heer ! doe daarmede gelijk het U belieft, volgens de eeuwige schikking uwer onuitsprekelijke Voorzienigheid, maar ook volgens de grootheid nwer barmhartigheden; en geef mij de zalving, den moed en de krachtom alles kloekmoedig te verdragen in den geest van boetvaardigheid, met eene ware christelijke lijdzaamheid en volmaakte onderwerping aan uwen goddelijken wil, met één woord, Heer ! dat alle zuchten van mijn üiart, tot het laatste oogenblik van mijn kort leven, naar niets anders trachten, dan naar uwe eer, uwe genade, uwen wTiI, uwe verlich-
DE GODZALIGE HÃISZEGEN 531 ting, uwe liefde en uwe barmhartigheden. Amen.
Zijne Doorl. Hoogte. Jean Louis, Bisschop en Vorst van Luik, om de godsvrucht der Geloovigen op te wekken vergunt 40 dagen aflaat aan alle personen, die hunne morgen-qeheden zullen beginnen, met godvruchtig op hunne knieën , het bovenstaande gebed Ie
DE GODZALIGE HUISZEGEN
van den zoeten naamjesus en zijne lieve Heiligen.
ö Gij, allerheiligste Heer Jesus Christus! almachtige en rechtvaardige God van hemel en aarde! allerheiligste Heer Jesus Christus ! Zoon van David ! ontferm U over dit huis, in hetwelk wij U lang aangeroepen en gebeden hebben. O Gij , gekruiste Heer Jesus Ch ristus! wij bidden U, bewaar dit huis en zijne bewoners. Door uw heilig kruis, daar Gij aan gestorven zijt,
532 DE GODZALIGE geef dit huis deü zegen Gods; zegen de menschen die er iu wonen. De zegen van God den Vader, God den Zoon, en God den heiligen. Geest, zegene dit huis, en alles waf; er in en aan is; menschen, vee spijs en drank , en wat daar dakdruppelen ontvangen heeft, dat zij beschermd en gezegend. De allerheiligste naam van Jesus Christus den Gekruisten, zegene alle mea-schen die dit huis uit- en ingaart üe vier Evangelisten bevestigen ea bekrachtigen dit huis; dat nimmermeer ongelukken daarin gebeuren: dat geene besmettelijke krankheden, koortsen of booze ziekten, die menschen of vee schade kunnen veroorzaken, hetzelve naderen; en dat de naam van Jesus Christus , met de negen koren der engelen, hetzelve behoeden. De vrede van Jesus Christus zij met dit huis; de kracht Gods werke er met de men-
'UJI
HUISZEGEN 533
bCben. De heilige Drievuldigheid : God de Vader, God de Zoon, en God de heilige Geest willen de behoeders van dit hu is zijn. De heilige twaalf Apostelen willen dit huis beschermen en bewaren; dat alle zaken iicdithuistenbesteaangewendwor-dien.HetheiligkriiisvanJesusChris-tas zij dezelfs huisdak ; de heilige nagels van Jesns (Jhristus zijn de grendels aan de deuren ; de kroon van Jesusühristuszij het schild van dit huis; alzoo moet dit huis gezegend zijn door het heilig woord Gods. O Heere Jesus Christus van Nazareth !ontfermUonzer.O heilige Maagd Maria! gij hemelscheKoniu-gin ! bid uw liefkind Jesus voor ons arme zondaars, opdat wij zuiver worden van alle zonden. Ogij, door-Jiichtige heilige drieKoningen:Cas-par, Melchior en Balthazar! helpt deze heilige schaar voor ons bidden. De heilige Drievuldigheid behoede
584 DE GODZALIGE
dit gansche huis, opdat ergeeneon-gel ukken in gebeuren; opdat toove-rij, duivels-gespuis en alle kwade ziekten van menschen en vee daarvan verwijderd worden. Behoed, o God, dit huis voor vuur, hagel, donder en groote wTatersnooden. Bewaar ook onze landen van alle onheil en dure tijden. Dit verleene ons God de Vader, God de Zoon , en God de heilige Geest. Amen.
Heilige drie Koningen! bid voor ons, nu en in het uur onzes doods. Amen.
Onder uwe bescherming staat dit huis, Jesus, Maria, Josef.
Die U zoeken aan het kruis,
Jesus, Maria , Josef.
Behoed dit huis voor pest en brand, Jesus, Maria, Joset'.
Steek uit uw' rijke en milde hand. Jesus, Maria, Josef.
Behoed ons in genadestand ,
Jesus, Maria, Josef,
Voor tooverij, onheil en sciiaiu!',
Jesus, Maria, Josef.
v
HUISZEGEN. 535
Geef ons uw' zegen te allen tijd,
Jesus , Maria , Josef.
Eu hierna de zaligheid,
-Tesus, Maria, ,losel.
En zegene ons Jesus.
Bid God voor ons, Maria,
De Heer des vredes geve u altijd vrede, a. Thessalonica III. v. 16.
Waar vrede in huis is, schept God zijn lust ;
In een vreedzaam hart houdt God zijn rust. Zalig is de moeder, uitverkoren.
Waar ons de vrede is uit geboren ; Een huis vol vrede is dus een pand, Van meerder waarde dan diamant.
Christus heeft op ons gedacht,
Als hij den vrede op aarde bracht ; Die vrede wenscht in zijn gemoed,
Verlaat de zonden eu doet goed.
Wilt gij vrede in 't hart bezitten,
Bedwing uw gebrek, wil niemand bevitten. In zulke huizen mag men spreken , Stichtende reden, maar niemands gebreken, Zaken waar Gods eer door lijdt.
Of eenige menschen hun zaligheid ;
Dit wil ik met korte woorden besluiten, Die anders wil handelen, die blijve erbuiten.
586 DE GODZALIGE Wat wordt er menig mensch geschonden, En van die kwaad zijn gansch verslonden; Het ware te wenschen, dat alle menschen
Zich zeiven eerst bekeken,
Eer dat zij kwaad, 't zij vroeg oi' laat, Van anderen spreken.
Veracht niemand.
Niemand spotte met mij of met de mijnen, leder ga te huis en bezie de zijnen ;
Vindt gij in uw huis dan geen gebreken, Kern dan bij mij, dan hebt gij vrij spreken.
Antiphone tot de H. Maagd Maria.
Ten tijde van pest en andere ziekten.
's Hemels sterre, hoog verheven. Die den Heer geboren heeft,
Heelt de pest des doods verdreven, Die ons Adams zonde geelt.
De hemelster wil zich verwaarde. Weg te nemen uit de locht;
Pest en dood, en wat op aarde Ons broos loven kwetsen mocht.
Schoone sterre van de zee,
Wil ons in de pest bijstaan. En verlossen uit dit wee;
quot;Uw gebed zal God ontvaan ,
HTJISZEGrEN. Oo (
Als gij u tot bidden keert,
Want Hij u (zijn' Moeder) eert.
Bevrijd ons dan, Heei! van de pest: Uw Moeder doet voor ons haar best. v. Bid voor ons, heilige Moeder Gods'. r. Opdat wij waardig worden der beloften van Christus.
TOT JESUS EN MARIA.
God der barmhartigheid, der goedertierenheid en genade, die lquot; over de droefheid des volks ont-fermd en den slaanden engel bevolen hebt zijne hand ia te houden : wij bidden ü, o -Jesus ! om de liefde van uwe roemrijke Moeder, wier liefdevolle borsten Gij tegeu iet venijn onzer zouden gezogen iiebt: geef ons de hulp uwer genade , opdat wij van alle besmette-Jijke ziekten en eenen onvoorzieneu dood mogen bevrijd wezen ; Gij. die leeft en heerscht, met God den Yader en den heiligen Geest, in alle eeuwen der eenwen. Amen.
538 DE GODZALIGE
Vernieuwing van zijne aangenomme geloften.
Mijn allerliefste Jesus ! tot dankzegging voor alle weldaden, die Gij mij hebt gedaan, door mij uit het gewoel der wereld te trekken, zeg ik, al ware ik heer van de geheele wereld, en van honderd millioenea werelden : zonder geholpen te worden door uwe genade, zoude ik ze allen versmaden en verlaten, uit liefde tot ü;en warehetdat het mi j vrijstond een of honderd duizend maal tot de wereld weder te kee-ren, alle eer, rijkdommen en genoegens te genieten, welke alle menschen genoten hebben, die er ooit geweest zijn, nog zullen zijin en die uwe almacht kan scheppen,, te weten, dat ik al deze dingen, zonder zonde zoude mogen genieten, van dit uur tot den dag des oordeels, ik zoude mij zeer gaarne
HÃ18ZEGEN.. 539
van alles ontblooten, en mij wederom op nieuw offeren, gelijk als ik nu doe, met meeniDg om mij tk- voor altoos te verbinden, indien Mj het mogelijk ware dat ik niet ware iet verbonden; daarom beloof ik N. N. eg God, almachtig, eeuwige standvaste tigheid en zuiverheid, gewillige sk armoede en gehoorzaamheid, naar r- den regel van onzen allerheiligsten ze vader. N. N.
' - G E B E D E N
d «H KK\gt;:\ ZAMOE» 11(1011 TE ÃERWERVES.
L m
-
t _
Hubejitos Guillielmus » Precipianoj Aarh-e hissc/wp van Meche/en, enz. allen die dezen zullen
f zien, zalig held in den Heer ! Aangezien er geene
droeviger nederlaag noch groot er overwinning Is, dan
Idle, welke volgt na den laatsten en scherps ten strijd des doods, zoo moeten wij ook dikwijls tegen dien tijd, als misschien ons gemoed zich zeiven niet meester zal zijn, de hemelsche hulp verzoeken en ons met God verzoenen; tot welk einde wij toelaten, dat de volgende zeer stichtelijke gebeden door den druk gemeen gemaakt worden; en verleenendle, welke volgt na den laatsten en scherps ten strijd des doods, zoo moeten wij ook dikwijls tegen dien tijd, als misschien ons gemoed zich zeiven niet meester zal zijn, de hemelsche hulp verzoeken en ons met God verzoenen; tot welk einde wij toelaten, dat de volgende zeer stichtelijke gebeden door den druk gemeen gemaakt worden; en verleenen 40 dagen
54 (J GEBEDEN OM EENEN
aflaat uit de schallen der heilige Kerk, aan eenieder die dezelve met een rouwmoedig hart godvruchtig tal lezen. Gegeven te Bnmel den 38 Maart 1C94 H. G. A. M. Ter ordonnantie van den doorluchtig sten en hoogwaardig sten Aartsbisschop van Mechelen, H. J. van Susteren, Secretaris.
toï goi).
Groote God ! aangezien ik niet weet hoe mijoe gesteltenis in het laatste uur mijns levens zal zijn, als ik, misschien berooid van het gebruik der rede, mijn hart niet meer zal kunnen opheffen; daarom zeg ik nu. wat ik wenschte in het uur mijns doods gezegd te hebben: ik erken en aanbid U voor mijnen oppersten Heer, en eenig goed, en onderwerp mij in mijn leven en sterven aan uwen goddelijken wil. Maar hoe weinig is dit, dat een nietig stof der aarde U aanbidt; ditis niet genoeg noch aan uwe waardigheid , noch aan mijne begeerte: ik draag U dan op, en wensch ook door mij üte kunnen bewijzen, ai
ZALIGEN DOOD TE VERWERVEN. 541 de aanbiddingen, die de Engelen, Heiligen en alle schepselen U ooit gedaan hebben, en in de geheele eeuwigheid zullen doen. Allermild-ste God! ik heb uwe werken overdacht en ben verbaasd geworden ; Gij hebt mij geschapen als ik niets was, om mij deelachtig te makeo aan het eeuwige geluk: uwe onbepaalde liefde tot mij is nog verder gegaan : als ik door de zonde verloren was, hebt Gij mij door het dierbaar bloed vanuweneenigen Zoon gekocht en zijt mij met ontelbare weldaden voorgekomen. O mijne ziel! zoo heeft God U bemind dat hij zijnen eenigen Zoon voor u gegeven beeft. Ik dank U, mijn Heer en mijn God luit het diepste mij ns harten, en wensch U al de dankzegging te kunnen bewijzen, die U alle schepsels ooit bewezen hebben of zullen bewijzen. Van dezen tijd af zullen mijne oogen op
542 (tEbeden OM EENEN U gevestigd zijn, om uwe goddelijke geboden en welbehagen in alles te volbrengen; ik geloof alles wat Gij veropenbaard en door uwe heilige Kerk voorgesteld hebt te geloo-ven , in welk heilig geloof ik wil leven en sterven. Ach ! dat U alle volken beleden en degeheele wereld ü aanbad. Ik vertrouw op U, God mijus harten, mijn deel in de eeuwigheid : op ü, Heer, heb ik gehoopt en zal ik hopen zoo lang ik zal 1 even,en ineeu wigheid zalikniet beschaamd worden; ik wenschnaar U , mijn eeuwig geluk die al mijne zinnen kunt vervullen. Geef mij dat ik op ü altijd mag vertrouwen, alle vergankelijke dingen mag verachten, en door geene moeielijkheid mag afgetrokken worden van U te dienen, totdat ik tot U, mijn laatste einde, eens mag geraken. Ik bemin U, o onbegrepene goedheid ! want Gij zijt alle goed, alleen heilig,
ZALIGEN DOOD TE VERWERVEN 54o alleen alle liefde waardig. O allerheiligste Maagd Maria! meer brandende van liefde dan de Cherubijnen m de heiligen : volmaak alles wat aan mijne liefde ontbreekt, opdat ik leve en sterve ter liefde van mijnen God, en liever sterven mag, dan hem niet te beminnen ; o, dat ik nooit iets beminne, dat ik â om uwentwil niet beminne ! Doorzie, o mijn God, mijn hart, en vindt Gij er iets in, strijdig tegen de liefde die ik hier belijde, zuiver en verbeter het dan. O oude en nieuwe schoonheid ! ik heb ü te laat bemind, ik bemin ü nog niet gelijk ik moet en gelijk ik l wensch te beminnen, met eene oneindige liefde , ja met de liefde waarmede Gij U zeiven bemint, want deze alleen kou uwe liefde begrijpen. Liefderijkste God 1 uwe liefde maakt dat ik bedroefd ben, dat ik C ooit vergramd
544 GEBEDEN OM EENEN heb, die zoo liefdevol en voor mij zoo goed zijt: ik ben niet bedroefd omdat ik vrees, maar omdat ik bemin ; kon het geschieden door het vergieten van mijn bloed, dat ikll nooit hadvergramd,ikzoudegaarne op dit oogenblik denlaatsten druppel storten. Ik bid U, eeuwige Vader ! door uwe oneindige barmhartigheid; U eenige Zoon, door uwe liefde tot de zondaars ; U, heilige Geest, door het vuur uwer liefde; r heilige Drievuldigheid,door het bloed en de verdiensten van Christus ; spaar mij zondig mensch, en vvaschmij nog meer van mijne boos heid en van mijne zonden; wil mij zuiveren. Dit alles is, o God, mijn uiterste wensch; maar als ik hierna door de zwakheid der ziekte, of doorbedrogdesvijandsandersdacht of zeide, dan herroep ik van nu af en houd het voor geene waarde,,, ja verzaak en verfoei het, dit is
ZALIGEN DOOD TE VERWERVEN. 545 mijn uiterste wil : voor U, God, wil ik levea en sterven.
Tot Jcsus.
O genadigste Jesus ! ik bid ü, als mijne oogen zullen breken, als mijn mond zal sluiten en mijne tong niet meer zal kunnen spreken, dat mijn geloof dan niet wankele, mijne hoop niet wantrouwe, mijne liefde niet verflauwe. Heer Jesus ! door de bittere benauwdheid, die U in het hoQe zoo heeft bezwaard, dat Gij hebt uitgeroepen: mijne ziel is bedroefd tot den dood, en door de bitterheid die Gij doorstond aan. het kruis, bijzonder toen uwe gezegende ziel is afgescheiden van het lichaam: wil mij uwen dienaar, troosten en barmhartig zij a in het uur mijns doods. Amen.
Tot Maria.
Maria, moeder der barmhartia;'â¢
35
1
GEBEDEN OM EENEN Z.
ïieid ! door het zwaard van droef- hu beid, dat uwe ziel doorstoken heeft doi onder het kruis, als gij uwen beminden Zoon voor mijne zonden hebt zien sterven; wil mij ook genadig zijn, door de verdiensten van denzellden uwen Zoon, in het laatste uur mijns levens, en gedoog niet, o Troosteres, dat men zal zeggen , dat gij eene ziel in haren bitter-sten nood verlaten hebt, maar verwaardig ii mij in mijnen doodstrijd met medelijdende oogen te aanschouwen. Maria, moeder der genade , moeder der barmhartigheid! bescherm ons, door uwen Zoon,
voor den vijand, en ontvang ons in het uur des doods. Amen.
Tot den H. Josef.
O heilige Josel', die in de omhelzing van den zoeten Jesus en uwer liefste bruid Maria van deze wereld gescheiden zijt: kom mij te
ZALIGEN DOOD TE VERWE RVEN. 547 hulp met Jesus en Maria, als de dood mijn leven zal eindigen, en verwerf mij genade, dat ik in dezelfde heilige armen van Jesus en Maria sterve. In uwe handen levende en stervende, beveel ik mijnen geest: Jesus, Maria, Josef!
Tot den H. Engel-bewaarder.
O getrouwe leidsman, die mij van God als mijn beschermer en bewaarder zijt toegevoegd : sta mijne arme ziel bij in haren uitersten doodstrijd; bescherm haar dan tegen alle aanvechtingen des hel-schen vijands: wil haar, gezuiverd van alle zonden, voor haren fiechter brengen, opdat zij zijn rechtvaardig oordeel gelukkig mag ontkomen, en het goddelijk Wezen in alle eeuwigheid met u mag aanschouwen. Amen.
UITERSTE Wil VAS E8SEI CHRISTUS-
/X; zal dm Heer verheerlijken ten allen tijde â . altijd i* zijn lof in mijnen mond.
Ps. 33, v. 1.
Daarom, ter eere van God den Vader. God den Zoon. en God den heiligen Geest, en de heilige Maagd Maria, is mijn begeeren ea uitersten wil, volmaakt te leven en wel te sterven. Ik aanbid, loof, zegen en verheerlijk U altijd ea in eeuwigheid, o heraelsche Vader, almachtige en eeuwige God! voor alle oneindige weldaden ea barmhartigheden, waarmede Gij hemel en aarde vervuld en alles uit niet geschapen hebt; maar ia het bijzonder alle redelijke schepsels, en onder deze mij, het onwaardigste van alle schepselen, hebt geschapen naar uw goddelijk beeld. Bewaar en bestuur mij met uwe oneindige wijsheid en voorzie-
GEBEDEN OM EENEN ENZ. 549 Bigbeid, daar Gij over mij uwe overgroote weldaden nog dagelijks uitstort. Daarom bid ik U, mijn God! laat mijn hart niet rusten, opdat het steeds blijve en ruste in mijnen Schepper ; en geef mij dan, mijn Heer en God, altijd te rusten in U, buiten alle gilten en ^aven. buiten al wat gij nietzijt.U dank ik ook, oZoon van den levenden God, om d^ allergrootste liefde, met welke Gij mij bemind hebt; dat Gij, menschgeworden zijnde en de gedaante van eenen knecht aange-aomen hebbende, voor mij al die pijnen geleden hebt ,zoo in uw bitter lijden, als iu uwen dood ; aan welke heilige verdiensten ik uwe oneindige goedheid ootmoedig smeek mij deelachtig te maken, opdat ik daardoor volkomene vergiffenis mag verkrijgen van al mijne boosheden, en mijne ziel van alle kwaad mag bevrijd worden,
550 GEBEDEN OM EENEN om alzoo aangenaam te wezen aan uwe goddelijke Majesteit.
VerwaardigU, Heer Jesus, door het vergieten van uw dierbaar bloed, mij enalle menschenin nood ^welling , benauwdheid, vreeze, angst, vuile driften , zonden , ziekten , kwalen, en als ziel en lichaam in gevaar zijn of zullen komen, ook die nu in den doodstrijd liggen, te heipen; toon uwe barmhartigheid, mijn God, aan hen, die Gij door uw bitter lijdengekochtenverlosthebt. O God, heilige Geest! mijn vertrooster en heiligmaker! ik loof en verheerlijk U ook, en ik beveel en geef U mijne ziel en mijn lichaam, mijn voortgaan en het einde mijns levens; geef mij eenen zaligen uitgang, door waardige vruchten van boetvaardigheid, met een waarachtig leedwezen over mijne zonden , opdat ik door uwe heiligmakende genade mag zalig worden. 1 k beveel
1
ZALKrEN DOOD.
551
,an
)or ed, ei-
3t,
n ,
in jk te cl, w )t. r-
Ti
in i, is t-
n
J
U de geheele heilige Kerk; vervul haar, bid ik U ootmoedig, altijd 11 met het licht der waarheid en eendracht; verleen haar en alle men-schen eeaeo gednrigen vrede, liefde en eendracht, meteene waarachtige verzaking en leedwezen over hunne zonden en vergi ITenis derzel-ven; datzij uwe goddelijkeMajesteit nooit meer mogen vergrammen. Verleen ook aan alle geestelijke en wereldlijke overheid, en aan alle zielbestuurders eene heilige voorzichtigheid en wijsheid, en aan de onderdanen alle deugden en volmaaktheden. Mijn Heer en God! ik geloof in U, omdat Gij de eeuwige waarheid zijt; nu en in het uur van mijnen dood geloof ik al wat de H. katholieke Kerk ons voorhoudt te gelooven, en in datheiliggeloof wil ik leven en sterven. Ik hoop inlLen vertrouw op uwe oneindige barmhartigheid en goedheid, door de ver-
552 GEBEDEN OM EENEN diensten vanuwbitter lijden, dat Gij al mijne zonden zult vergeven, en mijne ziel zalig maken : geef mij uwe genade tot volharding in alle goede werken, met volmaaktheid tot den dood toe. Ik bemin U, mijn Heer en God, omdat Gij de oneindige goedheid zijt, en daarom begeer ik U altijd en alleen, uit geheel mijn hart en krachten, volmaakt lief te hebben, te dienen, tebemin-aen, met zulke liefde als alle rechtvaardigen U beminnen die geweest zijn, nog zijn, en zullen komen, én m het vagevuur én in den hemel: ciok gelijk Gij bemind zijt, en kunt bemind worden van alle Heiligen, Cherubijnen, Serafijnen en alle Memelsche geesten, en van uwe gezegende moeder en maagd Maria. iSog tracht ik en wil U beminnen dag en nacht, in alle eeuwigheid, gelijk Gij het waardig zijt; want Gij zijt alleen mijne hoop, mijne blijd-
ZALIGEN DOOD. 553 schap, mijne zoetheid, mijne rust m mijn alles, inwien ikwenschge-heel veranderd te worden. Ach,dat ikuweoneindigegoedheidnooitver-gramd hadde! Ik verfoei alle zonden m al hetgeen buiten U is, en uwe goddelijke majesteit zoude misha-gen. Mijn Heer eu God! geei mij dat ik aitijd mag rusten in U, verzakende alle kwaad, eigenliefde , eigen wiil. eigen begeerten, alle ij del heden m on verstorven heden, alle onvolmaaktheden enzonden , nu en altijd, m in eeuwigheid ; ook in het uur mijns doods, in welk uur of tijdik alle ingevingen des duivelsverzaak, legen welke ik nu en alsdan mij verklaar. Ikolïer mij geheel aan U, lotuwen eeuwigen lof en olTerande. O allerzoetste Jesus! roei in mij uit al het kwade en onvolmaakte dat m mij is; vernieuw mijnen geest, raijne ziel en mijn lichaam met de verhevenheid uwer goddelijke
4
554 GEBEDEN OM EENENquot; genade, opdat ik niets denke, Diets spreke,niets zie, niets voeJe, niets hoore, niets begeere, niets doe. dan hetgeen U, mijn God, het aangenaamste is. O levende bron! vervul toch mijn hart met het vuur uwer goddelijke liefde, opdat ik geheel verslonden worde in U . en niets begeere dan alleen eene ware kennis van uwe grootheid eo van mijn niet, onmacht, krankheden enzonden. O hoe zoet is hel in gezelschap te zijn met en inü, o Jesus vol van zoetheid en heiligheid ! laat mij een van het getal uwer uitverkorenen wezen. O Jesus. gever van alle goed ! wie zal mij geven, dat ik geheel mag wezen en rusten in U V wie zal mij zoo een leven geven, dat ik met deo apostel Paulus raag zeggen : ik leef nu niet meer, maar Christus leeft waarlijk in mij'. Ik bid U, verhoor mij, mijn Heer en mijn God,
ZALIGEN DOOD. 555 door de verdiensten van al uwe Heiligen, en bijzonder van uwe heilige en bedrukte Moeder en maagd Maria. Het is mij uit den grond mijns harten leed , dat ik uwe oneindige majesteit ooit vergramd heb, en oorzaak geweest ben dat anderen ü vergamd hebben , nu vergrammen, of nog zullen vergrammen; ik wil liever door uwe goddelijke genade duizendmaal sterven, dan U ooit meer te vergrammen. Trek dan, o zoete Jesus, mijn hart altijd tot U, opdat het, afgescheiden zijnde van alle aardsche en vergankelijke zaken , altijd mag branden in het vuur uwer goddelijke liefde. à allerheiligste maagd en moeder Gods Maria! wees gegroet: ik verootmoedig mij voor u, en bid u voor mij en vooralle menschen vergiffenis van al onze zonden, een zuiver leven , een waarachtig geloof, eene
556 GEBEDEN OM EENEN vaste hoop, eene brandende liefde, en eene volmaakte ootmoedigheid in deugden te verwerven: bescherm ons, goedertierene Moeder, in onze krankheden, kwellingen en nood, zoo naar de ziel als naar het lichaam , bijzonder in het uur onzes doods, opdat wij, van u beschermd zijnde, in den Heer mogen rusten. O heilige geesten der engelen ! bidt voor ons. en bijzonder ^cij, onze heilige engelbewaarder. oe Beschermt ons ook, gij alle Gods ^ lieve Heil igen; zij t onze voorbidders je metal uwe verdiensten en gebeden, om hiernamaals eeuwig met u te n[ mogen leven. Geef, Heer, door al ^ deze verdiensten en voorspraken, m de levenden vergiffenis en den overledenen de eeuwige rust. Ikwensch, Heer, uit al mijne krachten en genegenheden volgens den inhoud van mijnen bovengeschreven uitersten wil, uwe goddelijke Majesteit zoo
ben alti
eer: mij scb ge( ziji dal en aai ga
S(
ZALIGEN DOOD. 557 bemiod, en nooit vergramd, maar altijd gediend te hebben, van het eerste tot het laatste oogenblik mijns levens toe, en dat alle men-schen en schepseleo zoo deden ea gedaan hadden, die er ooit geweest zijn, nu zijn, en zullen komen, en dat uit eene zuivere liefde tot ü , en om U alleen, mijn Zaligmaker, aan wien ik mij zeiven geheel en gansch, met ziel en lichaam overgeve; vertrouwende op de verdiensten van den allerheiligsten naam Jesus, voor wien alleknieënmoeten buigen, om te verkrijgen vergiffenis van al mijne zonden, volkomene beterschap des levens, en hiernamaals de eeuwige glorie. O ongeschapene Godheid, één in wezen en drievuldig in personen! o God en mensch, Heer Jesus! in uwe handen, met al deze bo vengeschrevene begeerten, verzoeken, betrachtingen en oefeningen, met deze woor-
008 GEBEDEN OM EENEN
den: Jesus, Maria ! nu en als ik zal sterven, beveel ik U mijnen geest. Amen.
GEBED
Mijn Heer en mijn God ! hopende en vertrouwende het bovengeschrevene van uwe goedheid en goddelijke majesteit te verwerven, draag ik nu en altijd op, voor mij en voor mijne naasten, alsook tot verlossing van de geloovige zielen in het vagevuur, al het bovengezegde, met alle heilige opdrachten der Missen ; ook allen lof, eer en alle heilige werken cn oefeningen, zoo boetvaardige als andere , die er ooit gedaan zijn, dagelijks geschieden , van alle menschen , van de heilige en hemelsche geesten, van de allerheiligste maagd Maria, en bijzonder die van haren eeniggeboreu Zoon Jesus Christus : en vooral voor die menschen, die deze bovengemelde oefeningen met godsvrucht overdenken, dezelve dikwijls bij dag en nacht, zoo door een inwendig als uitwendig teeken of gedrag , zullen komen te vernieuwen , dooreeuen goeden wil en uitwerksel, tot eer en roem van U en uwe gezegende moeder Maria, en onzer ziele zaligheid. Dit alles, o goedertierene God, is mijne ootmoedige verklaring, mijn verzoek, begeerte en uiterste wil, nu en altijd, en bij-
I jJOEUli
ik ga
tot V m 01 zaak
ZALIGEN DOOD. 559
zonder in het uur mijns doods ; welken dood ik gaarne aanneem, en U mijn leven opoffer tot voldoening voor al mijne zonden, wetende en onwetende, en waarvan ik bij anderen oorzaak ben geweest, zoo tegenwoordige als toekomende, van welke ik U bid, dat Gij mij tn hen gelieft te bewaren. Amen.
Siaeekyehed lot den heilif/en Rochus, bijzondere heschermer tegen de pest.
Wien ziet men hier uitverkoren,
En met een rood kruis geboren,
Ir dit droevig tranendal ?
Wie het is men toonen zal;
Men moet naar den naam niet vragen,
Want hij zal ons wel behagen ,
Hochus is de rechte man,
Van wiens deugd men spreken kan.
Van zijn' ouders, eerst gestorven.
Had hij al veel goed verworven,
Gaf den armen met voordacht
Alles, wat was in zijn macht.
Hij heeft zich alsdan begeven,
Om in stilte te gaan leven,
Nam aan in ootmoedigheid.
En ook mede in strengheid.
Zocht ook met een hart vol vreugden!
Eens te staan in alle deugden.
Heeft zich dit vast voorgesteld.
560 GEBEDEN OM EENEN Met een mannelijk geweld.
Zijn zin was zeer voor het reizen , Om zijn ijver te bewijzen,
Nam hij pelgrims kleeding aatis Om zoo onbekend te gaan ;
Is dan uit zijn land verdwenen r In Italië verschenen,
Daar hij zeer veel zieken vond. Die hij maakte weer gezond.
Zocht te Rome rond te zweven, Om de kranken troost te geven , Heeft daar ook gedaan zijn best, Hielp, die lagen aan de pest.
Ieder werd van hem genezen, Uit het graf schier als verrezen, In vele steden overal,
Van dat gruwelijk ongeval. De begeerte kwam hem wekken, Om weer naar zijn land te trekken, Hij werd onderweg zeer krank. En zijn ziekte duurde lang. God, om hem eens te beproeven, Kwam zoo zijnen vriend bedroeven, Hij kreeg spijs door eenen hond, Waardoor God hem voedsel zond. Als hij had zijn kracht hernomen, Is hij in zijn land gekomen,
Waar hij aanstonds werd verrast, Als bespieder aangetast.
ZALIGEN DOOD. 561
Daar geraakte hij in boeien,
Waar men zijne deugd zag groeien ; Hij bleef gevangen vijf jaar lang ;
Doch vond troost in 't zwaar bedwang, Hij werd dan wel, tot zijn behagen, Zelv' ook met de pest geslagen,
Doch voor dat hij daaraan stierf,
Hij van God voor ons verwierf,
Dat elk, die zijne hulp zou vragen, In deez' schrikkelijke plagen.
Zou verlost zijn van de kwaal,
't Geen gebeurd is, menigmaal.
v. Bid voor ons, heilige Rochus ! R. Opdat wij mogen waardig worden der beloften van Christus.
GEBED.
Wij aanbiddenU, o Heer. die aan den zaligen Rochus hebt beloofd, dat degenen diehem zonden bidden en aanroepen, op geenerlei wijze van de pest zouden geraakt of besmet worden: wij biddenUootmoedig , dat wij . die hem in onzen nood aanroepen , door zijne voorspraak van de pest en doodelijke smarten des lichaams en der ziel mogen bevrijd worden. Door onzen
3tt
5(gt;2 GEBEDEN OM EENEN Hwt Jesus Christus, uweiiZoou, die met U en den heiligen Geest leeft en heerscht, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
Zie wat gij kiest , eer gij verliest.
Twee zaken stelt u voor de Heer, Gij kunt, kiezen naar uw begeer, Of eeuwigiijk niet hem te zijn , Of eeuwig in de helsche pijn.
Hij wil u helpen, helpt gij meê, Uit hangt aan u, zijt gij te vreê;
Kies wat gij wilt, 't is in uw macht. Maar eer gij kiest, zijt wel bedacht; Aan deze keuze hangt het al.
Wat baten of wat deren zal.
Of eeuwig blij, of in 't geween.
Voor uwe ziel, ge hebt maar één'; En tel zoo dure zaak niet licht.
Maar denk aan 't overgroot gewicht; Want van Gods oordeel en de hel. Volgt hiernamaals geen appel.
Dus zie wèl toe wat gij nu doet, En denk altijd, het gaat voor goed. Als daar het vonnis is gegaan,
Is het voor eeuwig afgedaan.
Gij zegt : er is daarna nog tijd-, ik vraag, van waar die zekerheid? Heeft God u uitstel toegezeid.
ZALIGEN DOOD. 5HI)
Of zijt gij meester van de» tijd ?
01 zijt gij met den Heer zoo wel, .Dat hij maar wacht naar uw bevel r iïebt gij met 't leven een verdrag, 01 zoo den dood in uw ontzag ?
Het is zoo niet, gelijk gij ziet;
Ik bid u toch, bedrieg u niet. Ja, schrik integendeel en beeft.
Als gij bedenkt hoe dat gij leeft. Zie eens hoe of uw zaken staan.
Eer dat gij in 't gerecht zult gaan.
Daar. is geen vaste uur noch tijd.
Men is er streng en scheldt niet kwijt. Het gaat daar erg, geloof het mij,
Tiod is daar rechter en partij;
in wat nog 't allerzwaarste is, Gij spreekt daar zelv' getuigenis.
Noch goed, noch kwaad, die zwichten nu. Uw werken die betichten n ,
Zijn deze goed, zij roemen u,
Maar zijn ze kwaad, zij doemen u. Wat helpt toch aardschgeluk en vreugd. Als gij te kort schiet in de deugd, Ais gij in Josaphats vallei.
Zult moeten staan ter linker zij,
En dan, van God vermaledijd.
Ter helle vaart voor de eeuwigheid! O eeuwig, eenwig, denk toch wel. Het is voorwaar geen kinderspel!
564 GEBEDEN OM EENEN Bedenk het wel wat dat gij kiest, Hij waagt te veel, die :t al verliest. O speel toch niet met ;t eeuwig vuur. Uwe ziel te wagen is te duur.
Verzint eer gij begint.
Wie kan leven zonder beven . Die nabij het sterven staat,
Waar jjenuchten zoo haast vluchten. En het leven u verlaat r Gij zult sterven en bederven, En verwerven loon naar werk ;
Wil uw' zinnen dan verwinnen, Eu steed* hooren naar Gods Kerk,. Wilt gij rusten, toom uw lusten Die bederven uw gemoed;
Wil het vleien toch vermijden, Dat uw' ziel den doodsteek doet Al dat kwelen, al dat spelen,
Harten stelen vóór en na, Mag behagen twee drie dagen;
Maar het knagen komt te spa.
Konden uren eeuwig duren,
Daar 't bezuren niet en zag; De vermaken u wel smaken.
Maar na 't staken komt de slag. Dan is 't knagen, dan is :t klagen s Dan is 't vragen om vrijheid,
Als de jaren u bezwaren ,
Als verloren is de tijd
ZALIGEN DOOD. 565
Als 't vermeiden, als 't verleiden.
Als 't verblijden is gedaan..
.Dan komt klagen, dan is 't schreien, 't Eeuwig ween en komt dan aan ; Als het leven gaat begeven.
Eb bedreven de ijdelheid,
Dan komt droefheid en berouwen , Dan beschouwt men de eeuwigheid, Want uw vleier., dat het scheiden 7jSiI verblijden . is te laat :
Wil dan peinzen om te reizen ,
En neem wijzen raad voor daad.
Gebed om van God eenen zaligen dood te verwerven.
Grenadigste Zaligmaker, Jesus Christus, Heer des levens en des doods, om wiens wille wij leven en sterven : ik bid U, door uwen heiligen en ailerbittersteu dood, aan het hout des kruises, dat uw tweede komst in het uor des doods mij niet slapend viode, traag en onbereid , maar wakende en daar wel op bedacht. En laat toch niet toe dat ik zonder een oprecht leedwezen en YolraaakteliefdetotU uit het leven
566 (xfiBEDEN OM. EE KEN scheide, of dat ik uit deze wereld gerukt worde door eenen onvoorzie-nen dood: maar verleen mij, dat ik gewapend en versterkt worde in het waarachtig christelijk geloof, mH eene grondhartige droefheid over mijne zonden, na eene rechtzinnige biecht en voldoening. Geef mij dat; ik alsdan mag ontvangen het allerheiligste Sacrament des Altaars en het heilig Oliesel, als alle andere dingen mij zullen begeven, die mee op deze wereld slechts voor eenen korten tijd bezit. Gij, die altijd bij uwe uitverkoornen verblijft, verlaat mij niet, bijzonder in dieci uitersten nood, als men met den duivel moet worstelen. Dat mij alsdan alle heilige engelen bijstaan. m mij, door hunne voorspraak, tegen alle bekoring beschermen : dat zij mij in mijne pijnen versterken. Laat de deugden van geloof, hoop en liefde en lijdzaamheid de overhand
ZALIGEN DOOD. 567
in mijne ziel hebben, opdat ik mef; een welgesteld gemoed mij in uwe handen mag bevelen , met eene heilige gedachte raag ontslapen, eE genist ingaan in het rijk, das (jij ons met zoo zwaren arbeid en gruwzame pijnen hebt bereid. Denk tocheensopmijne zondige ziel ,goe-dertierene Zaligmaker,Gij die den berouwhebbenden moordenaar uw hemelsch koninkrijk toegezegd m genadig verleend hebt, ai was het; dat hij zich eerst op het laatste oogenblik zijns levens tot U keerde; vergun mij dat ik met hem uit uwen gezegenden mond die troostvolle woorden maghooren: heden zult gij met mij wezen in het paradijs. Am
G E B E D E N
om eene ti goeden dood tc verkrijgen.
O God! Gij zijt alleen de Heer van mijn leven. Ik weiger niet van daag televen;maar ik begeer niette leven,
--f
568 GEBEDEN OM EENEN
indien ik mijn leven niet voor en 1
tot uwe eer en dienst zal besteden, en
Is het dat Gij mij ook heden ge- liei
biedt te sterven, ik vrees den dood om
niet. Ik zal sterven, opdat ik ü zie; ik
ik zal met Usterven, opdat ik een- do
wig met U mag leven. Ach!dat in, aa
en door, en wegens mij, en we- de
geus al het mijne, uw allerheiligste va
wil geschiede in den tijd en in de le eeuwigheid.
1 Mijn hart is bereid, o God! mijn te
1 hart is bereid. Heer ! wat wilt Gij g1 dat ik doe? Heer ! wat wilt Gij dat
ik lijde ? Heer ! wat wilt Gij dat ik b
worde V Wij bidden U, o Heer, word c
verzoend op het on tvangen van onze f«
overgeviugen, en trek genadig on- u
mü wederspannigen wil tot U. e
Het doet mij leed, en is mij quot; leed uitganscher harte, dat ik II ooit vertoornd heb , o mijn God !
omdat Gij goed, mijne liefde en mijn God zijt.
ZALIGEN DOOD 569 Ik bid U, o Heer, dat de vurige en honigvloeiende kracht uwer liefde, mijnen geest van alles wat onder den hemel is afrukke, opdat iik uit liefde van uwe liefde leve,en door liefde van uwe liefde sterve, aangezien Gij, (jod,mensch geworden zijnde, uit liefde en ter liefde van mij IJ verwaardigd hebt te leven en te sterven.
Heer Jesus Christus ! om de bitterheid des doods,dien Gij voor mij geleden hebt aan hetkruis; bijzonder in het uur toen uwe allerheiligste ziel uit uw gezegend lichaam gescheiden is, bid ik U, ontferm U over mijne ziel bij haren uitgang, en geleid haar tot het eeuwige leven. Amen.
Verlos ons. Heer, van eenen haastigen en onvoorzienen dood, door uwe groote barmhartigheid. Als wij zullen sterven, verlos ons. Heer, van eenen kwaden dood,
570 GEBEDEN OM EEKEK
door uwe groote barmhartigheid. ^ Als wij zullen sterven, verlos ons, c Heer, van alle zonden, door uwe AA' groote barmhartigheid. He
Als wij zullen sterven, verlos ons. lt; Heer, van alle listen des duivels. Ali door uwe groote barmhartigheid.
Als wij zullen sterven, verlos ons.
Heer, van allen schrik en vrees, Hlt; door uwe groote barmhartigheid. Als wij zullen sterven, verlos ons. Heer,van bekoring, mistrouwen en wanhoop, door uwe groote H barmhartigheid,
Als wij zullen sterven, verlos ons.
Heer, van den geest van laatdunkendheid, door uwe groote t barmhartigheid.
Als wij zullen sterven, verlos ons.
Heer, van de verharding des har- f ten, door uwe groote barmhartigheid.
Als wij zullen sterven, verlos ons. , 1
ZALIGEN DOOD, 571
leid. Heer, van de macht des duivels, ons. door uwe groote barmhartigheid, uwe Als wij zullen sterven, verlos ons, Heer, van de pijnen der helle, ms. door uwe groote barmhartigheid, els. Als wij zullen sterven, verlos ons, tig- Heer, van alleaanloksels der wereld ,desduivelsendesvleesches, âºns. door uwe groote barmhartigheid, ies. Heer, geef aan ons dat wij steroid. vende ontvangen mogen de hei-as. lige Sacramenten, door uwe refi groote barmhartigheid, 'jte Heer, geef aan ons stervende overvloedigheid van uwe goddelijke as. genade, door uwe groote barm-n- hartigheid.
'te Heer, geet' aan ons stervende een volmaakt berouw, door uwegroo-s. te barmhartigheid.
r- Heer, geef aan uns stervende eene r- vaste hoop en allerzekerstgeloof, door uwe groote barmhartigheid. s, , Heer, geef aan ons stervende eene
570 GEBEDEN OM EE NEKquot;
door uwe groote barmhartigheid.
Als wij zullen sterven, verlos ons, Heer, van alle zonden, doom we groote barmhartigheid.
Als wij zullen sterven, verlos ons. Heer, van alle listen des duivels, door uwe groote barmhartigheid.
Als wij zullen sterven, verlos ons. Heer, van allen schrik en vrees, door uwe groote barmhartigheid.
Als wij zullen sterven, verlos ons. Heer,van bekoring, mistrouwea en wanhoop, door uwe groote barmhartigheid.
Als wij zulleu sterven, verlos ons. Heer, van den geest van laatdunkendheid, door uwe groote barmhartigheid.
Als wij zullen sterven, verlos ons. Heer, van de verharding des harten, door uwe groote barmhartigheid.
Als wij zullen sterven, verlos oos.
ZALIGEN DOOD, 571
Heer, van de macht des duivels, door uwe groote barmhartigheid.
Als wij zulleu sterven, verlos ons,
Heer, van de pijnen der helle, door uwe groote barmhartigheid.
Als wij zullen sterven, verlos ons, Heer, van alleaanloksels der wereld, des duivels en des vleesches, door uwe groote barmhartigheid.
Heer, geef aan ons dat wij stervende ontvangen mogen de heilige Sacramenten, door uwe groote barmhartigheid.
Heer, geelquot; aan ons stervende overvloedigheid van uwe goddelijke genade, door uwe groote barmhartigheid.
Heer, geef aan ons stervende een volmaakt berouw, door uwegroo-te barmhartigheid.
Heer, geef aan oos stervende eene vaste hoop en allerzekerstgeloof, door uwe groote barmhartigheid, geef aan ons stervende eeae
572 GEBEDEN OM EENEN
brandende liefde, door uwe groo- amp; te barmhartigheid. ^
Heer, geef aan ons stervende ge- Heei duld en lijdzaamheid in depijnen, ^ door uwe groote barmhartig- ri] heid. 0'
Heer, geefaan ons stervende sterkte z' tegen de aanvallen des duivels, ^ dooruwegroote barmhartigheid. r^0( Heer, geef aan ons stervende eene s volmaakte gelijkvormigheid aan ^ uwen wil, door uwe groote barm-hartigheid. (
Heer, geefaan ons stervende pene ' allervurigste begeerte om l te aanschouwen, dooruwe groote barmhartigheid.
Heer, geel'aan ons stervende den ö( bijstand van de altijd heilige maagd Maria, de bescherming der engelen en de groote voor- ^ spraak van alle Heiligen, door uwe groote barmhartigheid.
Heer, geef aan ons stervende de ^
ZALIGEN DOOD. 578
roo- gebeden en hulp der priesters, door uwegroote barmhartigheid, ge- Heer Jesus Christus,Zoon van den ieD, levenden God! door uwe heilige tig- raenschwording, wees genadig over onze zonden, en maak ons kte zalig, door uwe groote barm-ïls, hartigheid.
ïid. Door uwe geboorte, dat mijne ziel ^ne sterve den dood der rechtvaar-tan digen.
m- Door uwen doop en heilig vasten, dat mijne ziel sterve den dood ne der rechtvaardigen.
te Door uwen heiligen ijver en werkje zaam leven, dat mijn^ ziel sterve
den dood der rechtvaardigen, en Door uwen honger, dorst en uw re wraken, dat mijne ziel sterveden ig dood der rechtvaardigen, r- Door uw zuchten en uitroepen, dat jr mijne ziel sterve den dood der
rechtvaardigen.
Ie Door uw allerbitterste tranen, dat
Oquot; f 4 GEBEDEN OM EENEN
mijne ziel sterve den dood der öod rechtvaardigea.
Door den allergrootstên schrik p
en droefheid des harten, J
Door uw bloedig zweet, JL
Door bet te zamen binden uwer ='
handen, «
Door uwe versmading, kaak- 51
slagen en bespottingen, ^
Door de allerpijnlijkste wonden 3
der geeseling, 3 Door uwe doornen kroon en
dierbaar bloedvergieten,
Door uw heilig kruis en lijden, |
Door de gal en azijn, die Gij ;r
gesmaakt hebt, %
Door uwe vijf wonden, ^
Door uwen doodstrijd, g.
Door uwe allerheiligste ziel in de 5quot;
handen des Vaders bevolen, en 'é
voor de verlossing der wereld =L
van het lichaam gescheiden, ramp;
Door uwen dood en begrafenis, P God, hemelsche Vader,
â p
ZALIGEN DOOD. 575 1 God Zoon, Verlosser der wereld, dat mijne ziel sterve den dood der rechtvaardigen.
God heilige Geest.
Heilige Drievu ldigheid,één God, Door uwe groote barmhartigheid ,
Door de verdiensten en voorspraak der allerheiligste maaid en moeder Gods Maria,
Door de voorspraak der heilige
engelen en aartsengelen.
Door de verdiensten en voorspraak der heilige apostelen en evangelisten,
Door de verdiensten en voorspraak der heilige martelaren en martelaressen.
Door de verdiensten en voorspraak der heilige bisschoppen en belijders.
a
e- -
rt) tsa
-s
lt;5
3
2.
O O
-D -r
a
CS
=r
lt;
25 S3
Door de verdiensten en voorspraak der heilige leeraren, Door de verdiensten en voor-
OQ
.
57H GEBEDEN OM EENEN
spraak der heilige monniken en stn kluizenaars, dat mijneziel sterve me den dood der rechtvaardigen. gei Door de verdiensten en voorspraak lan der heilige priesters en levieten,, dat mijne ziel sterve den dood der rechtvaardigen.
Door de verdiensten en voorspraak j der heilige maagden en weduwen, dat mijne ziel sterve deo dood der rechtvaardigen.
Heilige aarts-engel Michaël,engelen onze bewaarders, en alle orden der zalige geesten, en gij onze zalige beschermers N. N. beschermt ons in den strijd, opdat wij niet verloren gaan in het schrikkelijke oordeel ; dat mijne ziel sterve den dood der rechtvaardigen.
En gij, oMaria,moeder enmaagd, wonderbare moeder, troosteres der bedrukten, koningin aller heiligen ; spreek voor ons, opdat onzen geest zonder eenige zondenvlek
'
ZALIGEN DOOD. 577
stralquot; ol' schuld, verdiene opgeno-men te worden van de engelen, en geleid te worden naar het vaderland ,111 het hemelsch paradijs. Am,
ïrionddijkc aausprauk lot Christus onz^n roflitcr, om met iiem voor de ure des doods nf te rekenen.
!)io dag zal weldra verschijnen,
Aan de wereld lang voorzeid,
Als haar schoonheid zal verdwijnen ,
En ia asch zal zijn geleid.
Dag van gramschap, dag van oordeel,
Strenge, schrikkelijke dag !
Want, dan niemand tot zijn voordeel.
Ook één woord meer spreken mag.
Welk een beven, wat al tranen.
Zal men dan zien overal.
Als men hooren zal bij namen,
't Meest verborgenste geval;
Als 't geluid van de trompetten ,
Die, met eenen vreemden klank.
Zullen 't al in roeten zetten,
leder nopen tot den gang;
Uit de graven en de muren,
Zullen dooden voor Gods troon,
Tot verwond'ring der nature,
üaau verwachten straf of loon.
n
A 1
l
578 GEBEDEN OM EENEN 't Is er al; de Rechter mede Is gezeten op den troon ;
Alle zonden, werk en zeden, 't Komt gewis nu ;il ten toon. Zie, het boek van ieders leven Komt te voorschijn eerst vooral, Alles staat hier opgeschreven.
Zelfs 't verhoJenste geval.
Wat zal ik dan, zondaar maken, Tot wien neem ik mijnen loop? 'k Hoor de goeden hier ook raken, 't Schudt en beel't al overhoop. Groote Heer, vol van genade! 'k Vlucht in uwen zoeten schoot. Nooit toch is 't bij U te spade. Spaar mij dan toch van den dood. Ik ben ook een van die menschen. Ach, gedenk het, Jesus zoet!
Voor wie gij, naar uwe wenschen , Hebt gestort uw dierbaar bloed ; Uw vermoeidheid, kruis en lijden. Waar ik mede ben gezocht,
Zijn getuigen te allen tijden.
Dat ik duur ben ingekocht.
Laat al die pijn, laat al dat lijden, Laat dat bloedig kruis voortaan. Dat er duizend doet verblijden , Voor mij niet verloren gaan.
Oeel' dat we onze zonden derven,
ZALIGEN DOOD. 579
Goede Jesus! door gena.
Eer de dag kooit van te sterven,
Eer het namaals wordt te spa. Jk, o Heer, beken mij schuldig, Schaamte maakt mij heel vermijd ;
Lieve Rechter! wees geduldig.
Zeg : ik scheld u alles kwijt.
Magdalena , door berouwen,
Heeft uw gunsten ras beproefd,
En des moord'naars vast vertrouwen, Naar den hemel niet getoefd.
Waarom zal ik min verwachten r Wordt mijn bede niet verhoord ? üwe goedheid kan met machten . Mij verlossen door uw woord.
Zie, de plaats waar ik moet wezen. 't Is aan uwe rechter zij ;
Waar uw schaapjes iiirgelezeu Uit de bokken staan, is 't vrij.
Ach ! laat mij daaronder schuilea , Schenk mij ook het eeuwig goed,
Laat de duivels eeuwig huilen.
Met al hun verspeeld gebroed.
Vol van rouw kom ik dit vragen.
Diep vernederd van gemoed ;
Wil toch zorge voor mij dragen ,
Als Gij mij hier scheiden doet!
Is er oorzaak om te beven Ãeez' se wis saat bovenal :
580 GEBEDEN OM, EENEN Dat, om rekening te geven ,
leder weer ontwaken zai '
Spaar dan: Jesns, alle nienschesi ,
Breng hen liever naar hnn lust .
Tot de vreugde die zij wenschen,
lu de nooit gestoorde rust.
Testament van «ene» i'linston, «w Jagelijls vóm* de lun iitnist en (i|i liet einè- zijns lnquot;«s te lierlinleu.
Mijn iieve Jesus ! ik verlaat al de genoegens dezer wereld: mijne ziel schenk ik aan mijnen lieven God , mijn lichaan aan de aarde en de wormen ; vrijwillig verlaat ik alle aardsche dingen, welke niet anders zijn dan ijdelheid.
Alle zonden zijn mij van harte leed; ik verzaak dezelve, omdat zij mishagen aan U, mijn God, dien ik boven alles bemin, die eene oneindige liefde waardig zijl.
Ik vergeef ter liefde Gods, en uil den grond mijns harten, aan al mijne vijanden.
ZALIGEN DOOD. «81
Ik geloof in éénen God, die één is in zelfstandigheid enio wezen, drievuldigiu persoon : Vader, Zoon, en heilige Geest; en dat de eenige ZoonGodsJesusChristus,de tweede persoon der heilige Drievuldigheid, voor mij is mensch geworden, zijnde Verlosser en Zaligmaker der we-reld, looner van het goede en straffer van het kwade;die van eeneon-eindige goedheid en wijsheid is.
Ik geloof vastel ijk, alles wat de ware katholieke en apostolische Kerk mij voorhoudt om te gelooven.
Ik hoop van de goddelijke goedheid , vergiffenis van mijnezonden, de genade Gods voor al mijne woorden , wTerken en gedachten, en hier-Bamaals liet eeuwige leven.
Ik bemin U, mijn God, uit geheel mijn hart. uit geheel mijn gemoed, uit a! mijne krachten, omdat Gij de opperste en oneindige goedheid zijt.
Ik onderwerp mij geheel aan ai
582 MEB. OM EÃNEN ZALIGEN DOOD. hetgeen God door zijnen allerhei-ligsten wil over mij belieft te beschikken. Ik beo bereid orn alles te doen. te lijden, te leven en te sterven, zooals God wil en het hem behagen zal.
Ik beveel mijn lichaam en mijne ziel aan de voorspraak der roemwaardigste maagd Maria,mij ne 1 ief-stemoederen voorspreekster, aao den bijstand van den H. Josef.aao de gebeden van mijnen heiligen beschermer N. N., aan de bescherming van mijnen engelbewaarder, en aan de hulp van alle Heiligen. opdat zij mij willen bijstaan in het unr des doods. Amen.
Mijne laatste woorden zullen zijn: Jesus, Maria, Josef !
In hunne armen wil ik leven en sterven; en als mijne tong deze heilige namen nietmeer kan uitspreken, zoo zal ik dit doen met mij a hart; en zoude mijn verstand mij
')D. i VERZ. OM DE ZEVEN GAVEN ENZ. 58H
aei- ontbreken in het uur des doodsy
f)e- zoo verklaar ik nu voor den toe-
Hes komenden tijd, en zeg:
tip Jesus, Maria . JosEi'.
het o Mijn God, in mre handen beveel il- mijnen gee*!. Amen.
jfie
m- V E H ZO E K ief-
an mMmiMVFJIlEH MiUm 0ÃKSÃE1
^ met eenige krachtige gebeden voor
ie- alle godvreezende zielen.
T-
Tj Aanbiddmq van den heiligen Geest, ö.
et O ongeschapen God ! o aanbiddelijke, heilige Geest! aanzie het
2; maaksel uwer handen, dat naar uw heilig beeld geschapen is, dorstig
â¢o naar de instorting van uwe zeven
:e gaven en overvloedige genaden,
e- Kom en verlicht het duister ver-
n stand van uwen slaaf door eene op
Ij rechte wijsheid, opdatikU diene em
584 VERZOEK OM DE ZEVEN ! ^
aanhange in den geest van onthech- oov
ting van al hetgeen aardsch en tij- 001)
delijk is, in eene volle versterving lev
en verlating van mijzei ven enmijnen en
wil, om geheel voor à te leven. O oei
goddelijke zon ! doorstraal de inge- « ^
wanden mijner lauwe ziel, want mi,
ik wensch naar U met duizend ver- d'u
zuchtingen : zie op mij en ontferm en U mijner, mijn God! Amen.
U,
Verzuchtingen om de zeven gaven des 1 heiligen geestes ie verkrijgen.
VC
De (jave nau I! tjshei'l.
O goddelijke Geest, die één zijt à met den Vader en den Zoon! kom
en stort in mij de gave van wijsheid, è
opdat ik het kwaad verfoeie en het ir
goede omhelze. Kom, 0 Liefhebber ^ van alle deugden, en schep in mij een nieuw en wijs hart; opdat ik het verschil van het eeuwige en
tijdelijke kenne en bevatte. Kom, e
0 allerwijsste Meester ! leer mij ^
GAVEN DES HEILIGEN G-EESTES. 585 ch- onwetende, uwen heiligen wil ken-tij- nen en vol brengen,al de dagen mijns ing levens. Kom, o Bron van alle goed, len en wasch mij in het bloed van mij-. O oen Verlosseren Zaligmaker. Kom, ge- o goddelijke Heelmeester! genees int mijne wonden, en verlicht mijne er- duistere oogen, opdat ik U kenne rm en bemiime. Kom, o sterke Almogendheid ! verhef mijn traag barttot I , en doemij walgen van hetgeen op de aarde is. Kom, o goddelijke Zon! verlicht mijn duister verstand en beweeg machtig mijnen wil, om jt ü alleen aan te hangen, m Eere zij den Vader, den Zoon, en J, den heiligen Geest; gelijk het was -t in den beginne,en nu, en in de eeu-'r wigheid der eeuwigheden. Amen. ij
De (jam ran Vers/and.
n O allerheiligste Majesteit! stort in , mij de ga ve van een oprech ten goed j verstand, om üalleen te zoeken,
586 VERZOEK OM DE ZEVEN alles buiten U te versmaden, ea IJ alleen aan te hangen. 0 eenige troost der zielen ! waarom verbergt Gij U voor uw schepsel, dat zonder U niets kan ? O liefderijke 1 goede God! doorgrond het binnenste vm uw arm schepsel, en trek mij tot ü. O allerbarmhartigste Vader deir armen ! kom en maak mij rijk door uwe onwaardeerbare schatten; mijne ziel wenscht naar l .0 aller-mildste Gever der gaven! zonder ü is er niets in mij, ook niet eene goede gedachte : kom en verlicht mijn verstand en verhef'mijne gedachten tot ü.
O ongeschapene Wijsheid ! kom, zuiver mijne meening van alle eigenbaat en ij delen roem. O ieveo, dat daar altijd vloeit, in den Vadeir en den Zoon ! vloei toch in het binnenste van mijne ziel door eeoe volmaakte liefde. Eere zij den Vader, enz.
C A.VEN DES HEU ilGrEN GrEEBTES. 587 De qave van Raad.
Ik aaabid U, o goddelijke heilige Geest! stort in mij de gave vao raad, opdat ik naar uw welbehagen de deugden op het allervolmaaktste moge beoefenen.
O goede Meester ! aanzie met uwe minzame oogen, mij blinde en onwetende, en leer mij den korten tijd van dit leven, naar uw behagen, ter zaligheid besteden.
Kom, o zoete liefde des Vaders en des Zoons! heilig mijne ziel tot uwen heiligen tempel en voorstede.
O allersterkste God! kom en doe mij dapper alle bekoringen bedrog-des duivels overwinnen. Kom , o goede Vader! doe mij van harte alle ongelijk vergeven,gelijk ik van ü vergiffenis begeer, en doe barmhartigheid aan allen die mij hebben misdaan. Kom nu. Bruidegom van mijne ziel! laat mij à alleenuitalle
588 VERZOEK OM DE ZEVEN ' (5AV
krachten mijner ziel beminnen, en mijne naasten om U. niijf
O allerwijsste tiaadsman! laat mijv kfnnen wat uwe Majesteit van mij doe begeert, opdat ik uwen wil uitliefde vers Tolbrenge. Eere zij den Vader, enz. ^
vers
De (face van Sterkte.
Kom, o God, heilige Geest! en mij gepfmij de gave van sterkte, op- Ã ' dat ik den duivel . de wereld en ^ bet vleeseh overwiune.
O sterke God ! verwin in mij al mijne kwade driften en bedorvene ^ genegenheden, opdat ik ü de korte m dagen mijns levens in rust diene. sc^ Kom, goddelijke Geest! vernietig mijne traagheid, en geef mij eenen ^ vurigen geest, om U volmaakt ac^ dag en naebt te dienen. O onver-winbare God ! laat mij de listen en lagen des vijands kennen, op- mi dat ik dezelve altijd kloekmoedig moge vera eb ten. ^
H
I GAVENquot; DES HEILIG-EN' OEESTES. 589 [, Pf] Kom, God, heilige Geest! geef mij eeneri walg van ai wat aardse h tmij vergankelijk is. O goede God! mij doe mij U kennen, opdat ik alles pfdf- versmade ter liefde van ü. ^nz. Kom toch. o allersterkste Heer! versterk mij, opdat ik in voorspoed mij niet verbelTe. en In tegenspoed en mij niet te zeer bedroeve, maar op- U in alles aanhangen.
en Eere zij den Vader, enz.
. De qave van Wetensdiap.
Hl
'ue Kom, o God heilige Geest! stort rte mijn hart de gave van weten-ie. schap, opdat ik het goede en hel ,ig- kwade onderscheide, om het eene en te beminnen en het andere te ver-achten, opdat ik mag komen tot r- de eeuwige zaligheid.
Kom, o allerzoetste rust derziei! p. maak mijn hart zoo gerust, opdat Gij X daar IJ zeiven in behaagt. O eenige begeerte! zonderUzaiik altijd on-
590 VERZOEK OM DE ZEVEN voldaan blijven, want niets kan mij verzadigen dan Gij alleen.
Kom, o allerzoetste Vertrooster! bewoon mijne ziel door uwe zoete tegenwoordigheid. O heilig licht! verlicht het maaksel uwer handen, om uweiitwille, want zonder ü blijf ik iu duisterheid.
Kom, o Heiligmaker! maak mij heilig naar uwen wil, naar ziel en lichaam.
O alwetende oogen van den Alziende ! doorziet het binnenste van mijue verborgene gedachten en zuivert wat U mishaagt.
Eere zij den Vader, enz.
De gave van Godvruchtigheid.
O allerzoetste heilige Geest! ik werp mij voor uwe voeten, en bid U om eene oprechte godsvrucht.
Kom, o goede Meester! leer mij U altijd in geest en in waarheid aanbidden.
â
GAVEN DE8 HEILIGEN GEESTES. 591
Kom, o allervurigste vlam ! verniel mijne groote lauwheid met iiiet vuur uwer heilige liei'de.
Kooi, o vinger Gods ! schrijf in mijn hart de goddelijke lessen van li wen heiligen wil.
Kom, o barmhartige Samaritaan! genees mijne wonden met de olie «ener oprechte godsvrucht en zoet-
Kom, o hemelsch licht! verlicht mijne duisterheid, opdat ik -U kenne en beminne.
Kom, o goddelijke Liefhebber! slort in mij die godsvrucht, die üile vermaak te boven gaat, waar-vanmijne ziel en lichaam mogen o-vervloeien. Eerezij den Vader, enz.
De ffave van Vreeze Gods.
Kom, o heilige Geest! stort in oij eene heilige vrees, opdat ik U ooit vergramme door eene vrijwillige zonde.
592 VERZOEK OM DE ZEVEN GA
O sterke Almogendheid ! bewaar hei mijne ziel voor het allergrootste ste kwaad, de zonde; laat mij liever duizendmaal sterven, dan U eens te vergrammen.
Kom. o genadige Hechter!en vergeel' al mijne zonden, die ik in mijn geheei leven begaan heb.
Kom, o Vader der armen! wil het maaksel uwer handen , dat naar uw beeld geschapen is, nieï verlaten.
Kom, o allerzoetste licht des harten ! verlicht mijn geweten en al!e gewetens die verduisterd zijn.
Kom, o zon der rechtvaardigen ï verwarm het binnenste van mijn koud hart, en doe het smelten ui tranen van een oprecht berouw, uit zuivere liefde tot U.
Kom, u mijn Schepper en Zaligmaker ! geefmijeene heilige vreeze en tevens eene volmaakte liefde,
en al wat mij noodig is ter zalig-
GAVEN DES HEILIGEN GEESTES. 598
iar heid, en zalig leven en een heilig ste sterven.
^er Eere zij den Vader, enz.
'OS 1
GEBED
fot God den heiligen Geest.
in Almachtige eeuwige God, die één met den Vader en den Zoon, en hunne zelfstandigheid zijt: aanzie at uwe schepselen. door uwe handen geschapen, en verlost door den kos-telijken prijs van het heilig bloed f- van Gods eenigen Zoon; wil zooi 'e een kostelijk pand niet verachten ?
want zonder U kan ik Diet eene 11 goede gedachte , niet het minste 10 goed uitwerken, noch zalig worden. m Kom dan, o goede Geest! ver-i'1 licht mijn verstand, beweeg mijnen wil tot het goede, geef mij uwe ? â zeven gaven in volheid, doorwond :e het binnenste mijner ziel, en maak mij dronken van dien wijn, waarvan de Apostelen op den pink-
34
Yader van barmhartigheid, die mij yc
hebt geschapen toen ik een ij del l if
niet was, opdat ik, U toebehoorende bi
U in dit korte leven zoude dienen ia
naar uwen heiligen wil, en dan m
hierna U bezitten in eeuwigheid. m
O alwetend oog van mijnen God! m
Gij weet in welk beroep ik mijne è
taligheid het beste zal kunnen be- te
werken: dus bid ik U, o minzame è
Yader, verlicht mij n verstand, opdat é
ik uwen heiligen wil mag kennen si
en volbrengen tot mijn eeuwig a geluk en zaligheid; dat ik mijnen
eigenzin en kwade bedorvene ge- v
negenheden tot mijn eeuwig on- d
geluk niet volge. Roep Gij mij tot li
ÃAVEN DES HEILIGEN GEESTES. 595
k, den zwaren last des huwelijks, ik er zal dien gaarne aanvaarden, alleen m om aan uwen heiligen wil gehoorzaam te zijn en tot mijne zaligheid te k om en; maar trekt Gij mij tot den geestelijken staat, om geheel voor à te leven en uwe bruid te zijn, bo-iij ven mijne verdiensten, uit zuivere el liefde voor U, zoo bedank ik U, en le bid om uwe hulp om deze mijne 'n taak en heilige roeping wel waar te m fiemen , tot mijn eeuwig geluk en d. zaligheid. Gij weet, mijn God, hoe l! mijne ziel lijdt van zoovele vijan-ie dien, die haar geluk van alle kan-ten zoeken te beletten; te weten : ie die duivel, de wereld, als ook mijn it eigen vleesch ; maar,o goede God! n strijdt Gij voor mij, dan zal ik g niet vreezen ongetrouw te zijn. n Wil uwe Majesteit mij noch meer i- verheffen en mij, boven duizen-i- den uit het gewoel der bedriege-gt;t lijke wereld, in een kloosterleven
I
59 f) VERZOEK OM DE ZEVEN trekken, om zoo alleen hart aaa hart met U te spreken, zoo verzoek ik dat Gij, mijn Heer, dit in mij gelieft uit te werken door uwe krachtige hulp en bijstand; want dit kaa niet geschieden zonder uwe bijzondere genade en goedgunstigheid: gelijk deze roeping de allerwaardigste is, zoo is ook de wederstand van alle zijden de allergrootste.
Daarom, indien uwe Majesteit mi j die roeping geeft, zoo vertrouw ik ook, door uwe goedheid, gehoorzaam te zijn tot den dood des kruises; zoodat Gij mij ook eene goede uitkomst zult geven, aangezien ik Uuit geheel mij hart begeer getrouw te zijn ; niet om mijnen eigen wil te volgen, maar den uwen ; niet om eenig schepsel, maar uit liefde tot U, mijnen schepper, die voor mij uit den hemel gekomen zijt , uit den schoot van uwenhemelschen Vader, om aan Hem gehoorzaam te zijn tot
GAVEN DES HEILIGEN G-EESTES. 597
den dood des kruises. Zoo wil ik ook, ter liefde van U, geheel den korten tijd van dit sterfelijk leven opofferen, om mijn eeuwig geluk te verzekeren, dooreenevrijwillige offerande van mijne ziel, met alle krachten van mijn lichaam en van alles wat ik heb ; ontvang, o God, deze vrijwillige offeranden.
Kom, o God, heilige Geest! geef
mij uwe sterke genade, opdat ik het goede dat Gij in mij hebt begonnen, met kloeken moed moge voltrekken , en dat ik niet alle moeie-lijkheid en opspraak vreeze, die mij zullen ontmoeten, eer ik zoo ver zal komen; maar versterk mij met uwen Mj zon deren geest, opdat ik dit werk beginne en wel voleinde tot het uur van mijnen dood : dit bid ik U,door de voorspraak van Maria, de moeder van barmhartigheid. Amen.
598 VERZOEK OM DE ZEVEN
Gebed
voor Jongelingen en jonge Dochters, om eene zalige verkiezing.
Ik werp mij ter aarde, voor de voeten uwer Majesteit, o God, liei-lige Geest! ik verzoek ootmoedig, dat Gij met uw goddelijk licht wilt verlichten al die jonge harten, die tot de jaren van onderscheid gekomen zijn; opdatzij uwen heiligen wil mogen kennen en volbrengen, tot hunne eeuwige zaligheid.
O goede God! verdrijf uit hun alle duisternis en ijdele vrees, opdat zij uwe Majesteit alleen mogen boo-ren. en uwe roeping volgen, waai' hun eeuwig geluk van afhangt. O liefderijke God! trek alle menscheD tot U, opdat zij U hier mogen die-hen, en hun leven zalig en gelukkig voleindigen. Amen.
GAVEN DES HEILIGEN GEESTES. 599 Gebed
tot de allerh. Drievuldigheid , en eme Novene om negen dagen te lezen , tot het verkiezen van een beroep.
O ongeschapene Drievuldigheid I ik aanbid U in geest en in waarheid ; ik bid U door den naam en persoon van Jesus,dat Gijuweoogen van barmhartigheid op mij wilt slaan, dat Gij mij uwengoddelijken wii en bevelen over mij wilt doen kennen, en verzoek van uwe Majesteit, dat ik van U zonder uitstel genade mag verkrijgen, dit bid ik, door de voorspraak van Maria, de moeder van barmhartigheid, en ook door het voorbidden vau denH. An-tonius van Padua (dien bijstand in den nood }, omdat ik, die uwe genade zoo menigmaal hebt verzuimd, mij onwaardig kenne om van uwe goedheid verhoord te worden. Verlicht mijne duisternis, versterk
600 VERZOEK OM DE ZEVEN | SA
mijne krankheid, doe al mijne vrees van
en wederstand te niet opdat ik ïiei(
uwen wil kenne, en dien kennende 100
volbrenge; opdat ik, met een zni- red
vere meening beginnende, een aiji
heilig einde mag hebben, om U te vai
loven in eeuwigheid. Amen. vai
scl
Driemaal Onze Vader, e)i driemaal Wees gegroet, ter eere van de aller-'heiHoste Drievuldiqhe'td.
â 7 Offk
AANBIDDING
van de allerheiligste Drievuldigheid.
er
O allerverhevenste God, Schepper is
van het heelal, één in wezen en d«
drievuldig in persoon! ik,, uw arm b;
schepsel en verworpen slaaf, aanbid ai
U met dezelfde aanbidding, lof en a
dankzegging, die de allerheiligste ^
maagd Maria, in uwe tegenwoordig- ^
heid, ten allen tijde in den hemel U ^
bewij st; met welke ik mij en mij nen '
wil vereenig, op alle oogenblikken ï
SAVEN DES HEILIGEN GrEESTES. 601
fees van mijn leven tot in de eeuwig-ik Md ; en ware het in mijne macht nde 200 zoude ik dat doen door alle zui- redelijke schepselen, die geweest een zijn, nu zijn, en komen zullen. Ont-T te vang, o Heer, de goede begeerte van uwen slaaf', en trek mij en alle schepsels tot uwe heilige liefde.
aal
Ier- Gebed
ma de goddelijke liefde te verkrijgen.
Vader van alle barmhartigheid en God van alle vertroosting ! het er is U aangenaam te zijn met de kin-en deren der mensehen. O liefde ! gij m begeertdatikU zalbemmnen:mijne id ziel wenscht en verzoekt, met ?n alle begeerte, dal; Gij metdit heilig te vuur mijn hart wilt ontsteken ; ik g- verzoek U, ik bid uwe Majesteit uit Q al mijne krachten : doorwond mijn n binnenste met uwe heilige liefde, n maak mij als dronken van dezen
602 VERZOEK OM DE ZEVEN ö-A
allerzoetsten wijn,opdat ik U,mijn mij]
God, altijd in mijn geheugen mag vol! hebben, en in mijn doen en laten niets zoeke als uwe meerdere
eer, uit zuivere lie fde tot ü. O God I ^ wieU niet zoude liefhebben, omdat Gij zijt, dien Gij zijt, die leeft niet irs de liefde. O goede God ! omdat ik
mij zoo onbekwaam kenne om U üjl
ten volle te beminnen, zoo wil ik oa
mij vereenigen met de Moeder van gts
Jesus, en zoo, met haar vereenigd, ge
wil ik U dag en nacht bemin- |e
neii met hare liefde, tot in eeu- di
wigheid : en ik wenseh, zoo menig- w
maal als mijn adem uitgaat, U alle al
roem, eer en lof te geven, die U bi
ooit van eenig schepsel gegeven is, si
of kan gegeven worden ; en zoo h
dikwijls als ik mijnen adem zal in- d
halen, bid en verzoek ik die al- ^
lerzuiverste liefde, welke ik arm i
schepsel bezitten kan ; en dit alles 1
verzoek ik ook voor alle Christeneo. *
GAVEN DES HEELIG-EN GEESTES. B03
mijn mijn God en mijn Al! Voor U is het
mag volle bezit van mijn hart. Amen. i la-
dere Gebed
' tot de allerheiligste maagd Maria. om
Kia. eenen zaligen staat te verkiezen.
in
t ik O Maria , uitdeelster der godde-
^ ü lijke genade! verkrijg mij de ge-
1 ik Eade bij God almachtig, dat ik den
vao staatmag weten, in welken God be-
, geert dat ik hem al de dagen mijns
lin- lemens zal dienen. Tot dat einde
6'J- draag ik u op mijn hart,, mijnen
iig- wil en mijn verstand: wil dit, o mijne
üle allerliefste Moeder . aan God aan-
U bieden : ik verklaar , dat ik dien
is, staat wil aanvaarden, die God en u
500 het aangenaamste zal zijn, en
io- die tot mijne zaligheid mij van eeu-
al= wigheid is toegeschikt, opdat ik
m met u. na den korten tijd van dit leven. mijnen God mag genieten in
4a, eeuwiarheid. Amen.
GEBEDEN OPZICHTENS
IET H. SACRAMENT DES HUWELIJKS.
Plichten der qetromoden tot elkander.
De plichten des mans zijn : ten eerste, zijne huisvrouw met eene zuivere liefde te beminnen , gelijk Christus zijne Kerk ; ten tweede , haar goede genegenheid te bewijzen : haar te behandelen met eerbied ; haar een goed voorbeeld te geven, vóórhaar te bidden; haar te onderwijzen, te beschermen en te troosten; haar kennis te geven van de huiszaken, en te zorgen voor het onderhoud des huisgezins.
Tegen deze plichten misdoet hij, die zijne vrouw veracht, smadelijk aanspreekt; die haar bitter valt enz.; die haar als dienstmaagd houdt; die bijna alles doet volgens zijnen zin, zonder kennis van de huisvrouw : die het goed verkwist
Gr ÃB.
'en e van
GEB. OPZICHTENS HET HUWELIJK ()05
'en eindelijk, hetgeen het ergste van alles is, die zijne vrouw dwingt tot schandelijke ongeregeldheden, onrechtvaardigheid of andere zonden.
De plichten der vrouw bestaan : in
haren man den persoon van Christus te eeren; hem te gehoorzamen, en hem te leiden door zachtmoedigheid ; voor hem te bidden, te letten op het huisgezin ; niets aanmerkelijks weg te geven of onkosten te doen zonder verlol'.
Tegen deze plichten misdoet, diegene die den meester speelt, haren man veracht, van zijne goedheid misbruik maakt; die gedurig tegenspreekt, enz.; die haren tijd met praten, spelen en wandelen verkwist, en die het inkomen met lekkernijen,ijdelheden en pracht opmaakt.
De plichten der getrouwden jegens hunne huisqenooten zijn: te zorgen
GEBEDEN OPZICHTENS
voor hunne zaligheid , hun een voorbeeld te geven, hun goedertie- kanc renheid en liefde te toonen ; hun te vermanen tot het gebed, tot het aanhooren van het woord Gods, tot het lezen vae goede boeken, tot het ontvangen der heilige Sacramenten , enz. en hun daartoe tijd te geven. Verder, hunne huisgenooten niet te verlaten als zij ziek zijn; hen aan te zien als hunne broeders in Christus, en als mededienaars van denzell'den Heer. Gij, heeren,
zegt de H. Paulus, doet aan uwe knechten, hetgeen derechtvaardig-heid en beleefdheid vereischt, gedenkende dat gij eenen en denzelfden Heer in den hemel hebt.
De plichten tot hunne kinderen zijneene christelijke opvoeding: hiervan hangt het welvaren van alle staten af. Daarom gebruik alle bed enkelij -kemiddelen, om uwe kinderen in de onschuld des doopsels te bewaren.
beer
HET HUWELIJK. BOT
Leer hun de deugd door al uwen rtie- handel; spreek hun van goddelijke zaken met eerbied, van de gods-micht met smaak, van de zonde met schrik. Bezorg hun goede ziel-bestuurders en geschikte meesters, heeren, huizen, scholen, winkels, en woningen.Maak dat zij tenminste leeren lezen en schrijven, en dat ze zich oefenen in een goed handwerk. Bewaar hen van de bedorvenheid der wereld, en vau kwade gezelschappen als van de pest. Zorg dat ze niets zien, noch hooren, hetgeen de zuiverheid kan hinderlijk zijn. Verdraag in hun geen kwade genegenheden. Laat hen nietliegen, niet wraakgierig, noch geldgierig zijn. Breek hunne hoofdigheid, kor-zelheid, gulzigheid, enz. Kastijd hen niet uit gramschap, maar uit liefde, volgens hunne fouten en hunnen ouderdom. Doe hen de straffen meer vreezen dan gevoelen.
HOS GEBEDEN OPZICHTENS
Berisp hen niet zonder reden. Bern io het eene kind niet boven het andere. dan alleen om deugd. Dwing* hen niet tot een beroep. Leer ze s morgens en s avonds bidden op hunne knieën, en eerbiedig mis hooren. Leer hen ootmoedig,vriendelijk en gedienstig zijn, zelfs tot die hun kwaad doen, en barmhartig jegens de armen, door hun somwijlen eeni-gen uwer aalmoezen te laten uitreiken.
Wacht u van bij uwe kinderen uwe driften op te volgen, te vloeken, te kijven, of u te buiten te gaan in overdaad, lichtvaardigheid, en ongeduld. Wacht u met verachting van de deugd en met hoogachting van de rijkdommen, van de eer. enz. te spreken, en van al wat de kinderen niet mogen navolgen. We-derhoud uwe dochter van de ij delheid in kleeding, van bals, comedies, opera's en andere gevaarlij-
HET HUWELIJK. 609 ke bijeenkomsten, van ij dele boeken en liedjes, van het spelen en verkeeren met jongmans en zelfs met vrouwspersonen, die niets volgen dan de ijdelheid der wereld en hare zinnelijkheid. Om uwe kinderen de gelegenheid te benemen van vele zonden, gewen hen van jongs af tot het werk, en houd ze gedurig bezig. Doch opdat de onderwijzingen, goede voorbeelden en berispingen der ouders aan de kinderen mogen baten, moeten de ouders voor hunne kinderen veel bidden.
Eindelijk, dit alles is besloten in hetgeen de heilige Geest van den ouden Tobias getuigt, te weten: dat hij zijnen zoon van zijne kindschheid af leerde God te vreezen, en zich te onthouden van zonden.
Ij
I
-11
ï»
j
610 GEBEDEN OPZICHTENS GEBED
van den bruidegom, zoo voor zich zeiven als voor zijne bruid.
Heer, mijn God, die het huwelijk, door U zeiven ingesteld, zoo hebt verheven, dat het een groot Sacrament, en eene afbeelding van de vereeniging van Christus met zijne bruid, de heilige Kerk, geworden is: Gij hebt mij, zoo ik vertrouw, door uwen geest aangedreven om dezen staat te aanvaarden ; ik bid U, geef dat ik mijne bruid , gelijk uwen Apostel beveelt, eer bewijze. Geef mij eindelijk, dat ik altijd met Tobias in waarheid mag zeggen: Gij weet, H eer, dat ik deze mijne zuster neme tot eene huisvrouw; niet uit vuile lust, noch uit eenig ander verkeerd inzicht , maar uit enkele begeerte van nakomelingen te krijgen, die U loven in der eeuwigheid. Tob. i.
HET HUWELIJK. 611
Gij plaatst mij in deze betrekking tot hoofd der vrouw, gelijk Christus het hoofd zijner Kerk is ; geef mij, dat ik haar trooste , bescher-me, onderwijze en heipe, en aan haar, als het zwakste deel, eer bewijze. Geef mij eindelijk, dat ik haar altijd beminne, niet met eene zinnelijke en heidensche liefde, maar heilig en standvastig gelijk Christus zijne Bruid.
Zend ook uwen zegen over mijne bruid; versier haar met de evangelische deugden, die uwe heilige apostelen Petrus en Paulus aan de getrouwde vrouwen zoo ernstig aanprijzen : de ootmoedigheid , de onderdanigheid, de getrouwheid, de wijsheid, eenvoudigheid in kleeren, de zedigheid en naarstigheid in het christelijk bezorgen van het huisgezin en inhetopkweekenvanhare kinderen. Geef haar, o Heer de ootmoedigheid van Sara, dezorgvul-
i
612 GEBEDEN 0PZICHTEN8
digheid van Rebecca, de minzaamheid van Rachel, de vruchtbaarheid van Lea, opdat wij, met vrede sch en minzaamheid, gezamenlijk voor «n het welzijn der huiszaken zorgende.
onze kinderen in uwe vreeze opvoeden, en hiernamaals met elkander in uwe liefde eeuwig mogen vereenigd zijn.
Gebed
voor de bruid, zoo voor zich zeiven. als voor haren bruidegom.
God, die de vereeniging van mam en vrouw, door U ingesteld, zoo wonderlijk hebt gezegend : sla genadig uwe oogen op uwe dienares, die, zich tot den huwelijken staat begevende, ootmoedig bidt om uwe bescherming. Maak door uwe genade, dat mijn juk zoet en vreedzaam zij. Doe mij de heilige vrouwen navolgen, die door
HET HUWELIJK. 613 am- tee wijsheid en minzaamheid, aar- door hare getrouwheid en eerbare rede schaamte, door hare onschuld mor en godsvrucht, door hare zorgen ide. en naarstigheid, de vreugd en op- troost geweest zijn van hare el- mans, de steun des huisgezins, 310- het geluk en welvaren van hare kinderen.
Geef aan mijnen bruidegom, uwen dienaar, wijsheid om zijn huisge-_ zin wel te besturen, kloekmoedig-keid in zij ne werken, rechtvaardigheid in zijn bedrijf, reinheid en aa zachtmoedigheid in al zijnen han-:oo del. Maak hem godvruchtig als Abrade- ham, zuiver als Isaak, naarstig als ia- Jacob, geduldig als Job, wijs als en David, rechtvaardig als Tobias, dt Verdijf van hem allen hoogmoed or en twist, overdaad , nijdigheid, et kwaad vermoeden, gierigheid en si- andere zonden. Doe ons beiden de )r sroote lessen van uwen Apostel
614 GEBEDEN OPZIOHTENS
gedenken, wanneer hij zegt:da* kef
hvwelijk eerlijk zij in alles, en hei huwelijksbed onbevlekt. (Hebr.l3.V.4.) Zend over ons uwen overvloedi-gen zegen; verleen ons de ge-wenschte vruchtbaarheid; vereenig onze gemoederen dooreenekuische liefde, opdat wij elkanders lasten hier helpen dragen, en hiernamaals met onze kinderen eeuwig mogen bij U zijn.
GEBED
voor aene bevruchte vrouw.
Ik erken en loof ü,o God, als den Schepper van de vrucht, die uwe dienstmaagd van uwe goedheid ontvangen heeft. Dit schepsel is niet bekwaam om U te bedanken, maar ik bedank U in zijne plaats, voor deze eerste en overgroote weldaad; en tot dankzegging offer ik hetzelve aan uwe Majesteit op, naar het voorbeeld van zoovele heilige
HET HUWELIJK. 615
moeders, alvorens ik het nog ken en ten volle bezitte. De smarten welke ik dagelijks gevoel als dochter van Eva, en die ik nog verder zal moeten doorstaan, neem ik aan als eene rechtvaardige straf: tot voldoening van mijne zonden. en als een middel, waardoor ik hoop uwe barmhartigheid te bewegen, om mij in het aanstaande gevaar, en ook uw schepsel, van ongeval te behoeden, hetgeen aan zoo veel ongelukkige kinderen overkomt, die, eer zij geboren zijn, zonder den heiligen doop te kunnen ontvangen, versmacht worden, O mijn God! verhoor het gebed van eene moeder, die niets zoo zeer wenscht, dan dat de vrucht haars lichaams in den heiligen doop geheiligd mag worden, om uwen grooten naam te loven in alle eeuwen. Amen.
616 GEBEDEN OPZICHTENS GEBED
hetwelk de ouders zullen lezen, wanneer hun kind gedoopt is.
Laat ons den lof des Heeren zingen, want Hij heeft zijne macht en zijne barmhartigheid hoogelijkaan ons getoond. Uwe barmhartigheid, o Heer, en niet de wil van ons kind, noch onze naarstigheid en zorg, maar uwe barmhartigheid alleen heeft ons kind tot den heiligen doop gebracht en van den duivel verlost. Het is eene gunst, die noch het kind, noch wij ooit hebben verdiend; eene gunst, waardoor ons kind niet alleen uit de hand van den vijand is verlost, maar ook een tempel van den heiligen Geest, een lidmaat van Christus, een kind van den oppersten Koning, en erfgenaam van zijn rijk is geworden.
Wie kan de grootheid van deze weldaden overdenken ? wie kan U
HET HUWELIJK. t)17
genoeg over uwe grootmoedigheid loven ? Dat uwe barmhartigheden, o Heer, U loven, en de wonderlijke daden, die Gij aan de kinderen der mensehen doet.
Intusschen, hetgeen wij van uwe hand hebben ontvangen, schenken wij U weder. Ontvang deze levende, heilige, welbehagelijke opdracht, welke wij U doen, om ons kind, hetgeen nu het uwe is. zoo op te voeden, dat het altijd een tempel van den heiligen Geest blijve.Dat het altijd door geloof, hoop en liefde met Christus vereenigd zij, en de waardigheid der kinderen Gods tot het einde toe beware; opdat het na dit leven uw eeuwig rijk tot zijn erfdeel bekome. Amen.
GEBED
van eene moedei- die huren kerkgang doel.
O God, die door de vreugd van de
618 GEBEDEN OPZIOHTENS
heilige maagd Maria, de droefheid heic en smarten der geloovigen die ba- opd ren, in blijdschap hebt veranderd: sla uwe oogen op mij, uwe dienares, die tot dankzegging, met vreugde uwen heiligen tempel ingaat, en verleen mij door de voorspraak van dezelfde heiligeMaagd. dat ik, na dit leven, mag waardig zijn met mijne vrucht tot de eeuwige blijdschap te geraken. Amen.
Gebed
van Ouders, om hunne kinderen in een christelijk leven op te voeden,
O God, opperste Vader van mijne kinderen, aan wien zij toebehoo-ren; die mij den last hebt opgelegd hen in uwe vrees en liefde op te voeden ; geef mij dat ik mij van dien plicht wel moge kwijten, en die strenge verbintenis goed mag volbrengen, opdat zij de onschuld des doopsels door mijne onachtzaam-
HET HUWELIJK. B19 'Jieid heid niet verliezen. Geef mij sterkte» gt; ba- opdat ik in hen het kwaad, hetwelk erd; zij tegen uwe wet mochtenbedrij ven die- j niet ongestraft late, en neem van Met mij de zwakheid des harten, die ifr- mij mocht beletten hunne kwade oor- genegenheden te verbeteren. l^d. Heer! ik beken dat de zondeQ â dig
van mijn voorgaande leven en ook ,eu- de lichtvaardigheid met welke ik lea. mij tot het huwelijk heb begeven.
mij deze genade onwaardig maken; ln maar ik bid U daarvoor met een , grondhartig leedwezen om vergiffenis , wenschende door eene goede ifle opvoeding mijner kinderen te ver-)0_ gelden, hetgeen ik in mijne jonge jaren heb misdaan, ik bid U ook, o op goedertierene Vader, gelief mijnen handel in het tijdelijke te zegenen, i0 maar bewaar mij van de ongeregelde begeerte om hen rijk of groot te ?s maken. Dat uwe vrees en liefde aquot; het voornaamste erfdeel zij, het-
fó20 GEBEDEN OPZICHTENS
welke ik hun nalate. Geef dat het huisgezin, door uwe Voorzienigheid mij aanbevolen, een huis zij van godsvrucht, waar gij gestadig geloofd wordt, opdat wij U gezamelijk in eeuwigheid mogen loven en aanschouwen. Amen.
Gebed van eene weduwe.
OHeer! ik buig mij onder uwe hei-li ge schikking, die mij de medehulp onttrokken heeft, welke uwe goedheid mij had gegeven. Ik neem deze berooving van mijnen troost gaarne aan, tot eene zalige boete voor de zonden, die ik zoo menigmaal bedreef, als ik tegen uwen wil vermaak en troost heb gezocht bij de menschen. Ik was door uwe wet aan mijnen man verbonden zoo lang hij leefde; nu is het mij wel vrij eenen anderen in den Heer te trouwen, maar Gij leert mij door uwen Apostel, dat ik gelukkiger
I
HET HUWELIJK'. 521
zal zijn, indien ik blijve, gelijk ik nu ben. Verleen mij de genade om mij dit te doen bevatten, mij tot zoodanig leven genegen te maken, en mij dezen staat heilig te doen beleven. Gij verfoeit, o God, zulke weelderige weduwen, die in wellust leven, en zegt dat zij al levende dood zijn ; verwijder van mij dan de dartelheid. Laat mijn genoegen slechts zijn, volgens het voorbeeld der heilige weduwe xinna, U met vasten en bidden dag en nacht te dienen. Geef dat ik met Judith, voor U in het verborgen levende, mijnen troost inde eenzaamheid en in werken van boetvaardigheid vinde. Doe mij mijne hand openen aanbehoef-tigen; doe mij letten op den handel en zeden mijnerhuisgenooten,trach-tende hun alle godsdienstigheid te leeren, en mij zoo stichtend te gedragen, dat ik voor U en voor de menschen onberispelijk zij. Amen.
622 GEBEDEN OPZICHTENS
Gebed
van maagden, om genade in harm staat te verkrijgen.
Eeuwige Wijsheid en Woord des Vaders, die, uiteene maagd geboren zijnde, den maagdelijken staat tot de hoogste eer verheven hebt: ik bedank U met alle ootmoedigheid, dat Gij U verwaardigd hebt mij tot uwe bruid aan te nemen, en mij onder het getal der God toegewijde maagden te stellen. Geef mij, oHeer, dat ik mij in dien verheven naam, of in het maagdenkleedsel nooit verijdele, maar, dat ik, volgens den geest van mijnen staat, getrouw mag wandelen. Doe mij de wereld versmaden; de stilzwijgendheid,de eenzaamheid en het verborgene leven lief hebben. Doe mij mijn vermaak vinden inmetU om te gaanin het gebed, en van U tehooren spreken in uw heilig woord. Doe mij de
HET HUWELIJK. 623 waarheid zoeken en opvolgen, uwe Kerk beminnen, en veel voor haar bidden. Geef dat ik ootmoedig,lieftallig , eerbiedig en vol van liefde mag zijn tot alle menschen, en hen mag stichten door een heilig leven. Dat ik in mijnen handel eene wijze eerbaarheid, voorzichtige ge-voegzaamheid , gestadige zachtmoedigheid, en eene zuivere vrijmoedigheid doe ui tschijnen. Doe mij zien, dat de ootmoedigheid gevaar lijdt in den rijkdom, de godvruchtigheid in de bekommernis, de waarheid in het veel spreken , de matigheid in de maaltijden en goede sieren, de geest des gebeds in het gewoel der menschen,en de zuiver-fieidin een ieder en in alles te zamen. Doe mij door uwe liefde branden, buiten U niets beminnen, loffelijk leven, zonder den lof der menschen te zoeken. Wees Gij-alleen mijne eer, mijne vreugd, mijn behagen,
624 GEBEDEN 0PZICHTEN8 mijn troost in droefheid,mijn raad in zwarigheid, mijne bescherming in ongeluk , mijn geduld in lijden, mijne spijze in vasten, en mijn geneesmiddel in krankheid. Doe mij het heilige maagdom onbe vlekt bewaren, alle geweld des vij -ands overwinnen, het vasten en versterven boven de vleeschelijke wellusten stellen, het lezen en bidden boven de maaltijden en lekkernijen ; opdat ik, doorbidden gevoed, door onderwijzingen vervuld, door waken verlicht zijnde, eene maagd mag wezen naar uw hart, heilig van lichaam en geest
Geef ook, bid ik ü, aan mijnen bestuurder eene goddelijke wijsheid, opdat ik door zijne besturing gestadig volgens de waardigheid van mijnen staat wandele, en mij bereide om met eene brandende lamp U, mijnen bruidegom, na dit strij dende leven te gemoet te gaan, en
HET HUWELIJK. 625 dat ik, de koninklijke deur van het koninkrijk der maagden vindende, tot de bruiloft van het Lam mag ingaan , om het te volgen alwaar het gaat, en in eene altijddurende vreugd, het heilige maagdengezang te zingen in eeuwigheid. Amen.
GEBEDEN VOOR ZIEKEN.
1. Ik verklaar voor God almachtig , dat ik wil leven en sterven als kind van de heilige katholieke en apostolische Kerk, vast gelooven-de al hetgeen zij gelooft en voor-steld om te gelooven.
2. Ik vraag ootmoedig vergiffenis van al mijne zonden, bedreven tegen God, tegen mijne naasten, tegen mij zei ven, wetens of onwetens, groote en kleine, en van al de zonden die mijn even-mensch, door mijne schuld mocht bedreven hebben.
-10
626 GEBEDEN VOOR
Dit verzoek ik door de verdiensten van Christus, door de krachtige voorspraak van de allerheiligste maagd Maria, van mijnen Engelbewaarder, mijne heilige patronen N.N. en van alle Gods lieve Heiligen.
3. Ik vergeef uit den grond mijns harten aan allen die mij hebben misdaan en bid ootmoedig om vergiffenis voor allen, aan wien ik, met woorden of werken, onstich-ting heb gegeven, of die ik ander-zins zou mogen hebben gestoord.
4, Ik bedank God voor alle bekende en onbekende weldaden, die hij mij in geheel mijn leven heeft bewezen, en die oneindig zijn. Ik wensch hem daarvoor iu de eeuwigheid te mogen bedanken. Tot dankzegging o l ier ik hem op geheel mij zei ven, vereenigd met het lij den en de wonden van Jesus zijnen Zoon.
5. Ik verzoek van nu af de bescherming van de heilige maagd
ZIEKEN. 627
Maria, van mijnen Engel-bewaarder, mijne Patronen N. N., en alle Heiligen ; biddende dat zij mij in mijn uiterste willen bijstaan, en voor mij verkrijgen een onwankelbaar geloof, eene vaste hoop, eene brandende liefde, eene diepe ootmoedigheid, eene volkomene onderwerping en geduld, en alle andere deugden die mij noodig zijn in het uur van. mijnen dood.
6. 1 k verzaak al de bekoringen en kwade gedachten, die de vijand mij alsdan zoude kunnen ingeven, en ik wil tot het laatste toe verzaken aan Satan en al zijne werken.
7. Ik beveel van nu af mijne ziel aan God, die haar geschapen heeft; aan Jesus Christus, die ze doorzijn heilig bloed verlost heeft, en aan den heiligen Geest, dieze heilig gemaakt heeft. En indien ik in mijnen doodstrijd onbekwaam ware om mij met God te vereenigen, zoo offer
628 GEBEDEN VOOR ik hem van nu af mijnen doodstrijd ; mijne pijnen en benauwdheden op, vereenigd met die van Christus, tot vergiffenis van mijne zonden. Ik werp mij, o Jesus, in uwe armen, en stel mijne zielin uwe geopende zijde, opdat zij aldaar bevrijd moge zijn tegen de woede der helsche geesten. Amen,
Korte verheffing des gemoeds tot troost der zieken.
De Heer slaat, en Hij geneest; de Heer brengt ons tot den dood, en wederom tot het leven.
Wat zal ik tegenspreken ? het is de Heer die dit gedaan heeft.
Die mijn kruis niet opneemt en mij niet volgt, die is mijner niet waardig.
Ik groet en omhels u met geheel mijn hart, o dierbaar kruis.
Ik wensch niets anders, dan dat de Heer, die begonnen heeft mij te
ZIEKEN. 629
slaan, voortga, ik zal de woorden van de Heiligen niet tegenspreken.
Er is niets geschied dan hetgeen de Heer gewild heeft : geloofd zij zijnen heiligen naam.
Ik zal den Heer loven en danken ten allen tijde, en vooral nu, terwijl hij mij uit liefde en tot welvaren mijner ziel bezoekt.
Heer ! Gij wilt dat ik mijne ziekte heilig zal gebruiken ; geef, o Heer, hetgeen Gij gebiedt, en gebiedt al wat U belieft.
Ik kus met liefde de hand der goddelijke rechtvaardigheid, die mij kastijd. Hoe hard zij mij slaat, zij slaat mij barmhartig; want hare slagen zijn minder dan mijne zonden.
Hetgeen Gij gezegd hebt tot uwe Apostelen, o Heer, te weten : dat hun geduld noodig was, zie ik nu allerbest; geef mij die noodige
630 GEBEDEN VOOR
deugd, opdat ik mijne ziel in lijdzaamheid bezitte.
Gelijk de pijnen die ik met Christus lijd, overvloedig zijn, dat ook o God, de vertroosting door Christus in mij overvloedig zij.
Heer ! verhoor mij haastig, want ik ben benauwd.
Waarom zijt gij bedroefd, mijne ziel V waarom ontstelt gij u ? Vertrouw op God, want ik zal hem nog loven. Hij is mijne vreugd en mijne zaligheid; hij is mijn God.
Ik aanbid, o Jesus, de pijnen die Gij geleden hebt. Ik draag U mijne smart op, o mijn Verlosser, ver-eenigd met de uwe. Vereenig en smelt mijn leven te zamen met het uwe, o Jesus.
Dat uwe smarten, o mijn Zaligmaker , de mijne heilig en verdienstelijk maken.
ZIEKEN. 631
Als de zieken iet* goeds hooren lezen.
Ik zal hooren, wat de Heer in mij spreekt. Hij zal mij troosten en helpen.
GEBEDEN
die men voor de zieken lezen zal.
O God, die de bijzondere hulp en bijstand der menschelijke krankheid zijl: toon uwe krachtige genade over dezen uwen dienaar (dienares), opdat hij (zij), door uwen genadige n bijstand geholpen zijnde, wederom gezond aan uwe heilige Kerk vertoond mag worden.
Wij bidden U, Heer God, verleen aan dezen uwen dienaar (dienares), dat hij (zij) eene gestadige gezondheid genieten mag naar ziel en lichaam , en, door de roemwaardige voorspraak van de heilige maagd Maria, van de tegenwoordige droefheid verlost zijnde, de eeuwige blijdschap bekome.
632 GEBEDEN VOOE Heer! zie op uwen dienaar (dienares) die onder de zwakheid zijns (haars) lichaams zucht, en verkwik de ziel die Gij geschapen hebt; opdat hij (zij), door uwe kas-tijdinggebeterd zijnde, gewaar worde dat hij (zij) door uwe genezende hand geholpen is; door Jesus Christus onzen Heer. Amen.
Deze geleden bestaan ten eerste, in eenige korte oefeningen van de voornaamste deugden, die voor de stervenden noodig zijn, en die men hun, zoolang de geest niet bedwelmd is, stil, de een na de andere, kan voorhouden, hun nochtans tusschenbeide tijd latende: om dezelve van harte te overdenken. Ten tweede, in andere gebeden die langer zijn, en die de heilige Kerk voor de stervenden doet. Deze dienen om van de omstanders gebeden te worden, als de stervende zijn uiterste nadert.
Oefening van Geloof.
Opperste Waarheid! ik geloof al hetgeen Gij ons door uwe heilige Kerk geopenbaard hebt.
ZIEKEN. 633
Ik geloof dit alles, omdat Gij ons niet kunt bedriegen, en niet bedrogen kunt worden.
Mijn God! in dit geloof wil ik leven en sterven.
Oefening van Hoop.
Al zijn mijne zonden groot en menigvuldig, ik hoop nochtans, o mijn God ! dat Gij ze allen zult vergeven, en mij de genade verleenen van tot het uiterste in uwe liefde te volharden.
Dit hoop ik, omdat Gij almachtig en barmhartig zijt, steunende op de verdiensten van mijnen eenigen Verlosser en Zaligmaker, Jesus Christus.
Oefening van liefde tot God.
Ik bemin U, mijn God, uit geheel mijn hart, omdat Gij oneindig beminnenswaardig zijt.
GEBEDEN VOOR
Oefening van liefde tot den evemnensch.
Ik bemin, mijn God, mijnen evenmensch, en zelfs mijne vijanden, om uwentwil.
Ik bid uit geheel mijn hart om vergiffenis, aan al degenen die ik vergramd heb, en ik vergeef ook van harte aan allen die mij kwaad willen , of ooit kwaad gedaan hebben.
Oefening van berouw.
Mijn God ! het is mij uit geheel mijn hart leed, dat ik U ooit vergramd heb.
Ik verfoei mijne zonden, omdat zij uwe Majesteit mishagen ; ik neem mij vast voor, met de hulp van uwe genade, te leven en te sterven in uwen heiligen dienst,, zonder U ooit meer te vergrammen.
634
ZIEKEN.
Oefening van voldoening.
Om te voldoen aan u, o goddelijke rechtvaardigheid, zoo veel als ik kan, aanvaard ik van harte den naderenden dood.
Het is rechtvaardig, dat de ziel, die zich zoo menigmaal van God heeft afgescheiden om hare driften op te volgen, uu ook van haar lichaam gescheiden worde.
Ik ben te zeer aan de schepsels gehecht geweest, en daarom ben ik bereid die alle te verlaten.
Ik heb U, mijn God, vergeten, toen ik leefde : het is rechtvaardig dat ik nu ook van de menschen vergeten worde.
Al mijne zinnen hebben mij tot zonde gediend; het is dus redelijk dat ik hun gebruik nu moet missen.
635
Liri
LITANIE VOOR DE STERVENDEN.
All( All H. H. H.
Heer, ontferm U onzer. H.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer. H-
Heilige Maria, bid voor hem (voor H-haar). H.
AlleH.EngelenenAartsengelen, ^ Heilige Abel, g
Alle H, Kooren der rechtvaar- ^ H.
digen, § H
H. Abraham, ^
H. Joannes de dooper, ^
H. Josef, P 5 H(
Alle H. Oudvaders en Profeten, lt; H. H. Petrus, % A]
H. Paulus, tr Al
H. Andreas, | ^
H. Joannes,
Antiph. Spaar, o Heer Jesus Christus, spaar uwen dienaar (ime dienaresj, die Gij met uw dierbaar bloed verlost hebt; wil toch niet eevwifj op hem {op haar) vergramd blijven.
v
LITANIE VOOR DE STERVENDEN. 637 Alle H. Apostelen en Evangelisten,
bidt voor hem, (voor haar.) Alle H. Leeraren des Heeren,
stus, Alle H. Onnoozele Kinderen , ⢠Gij |' H. Livinus,
/oc// H. Stephanus.
'jven- H. Laurentius, S
H. Bonifacius, ^
i. Alle heilige Martelaren, H. Silvester,
oor H. Gregorins. c=-
H. Augustimis, o
Alle heilige Bisschoppen en ^ S Belijders, c
H. Benedictus, ^
g H. Franciscus, g-
^ Alle heilige Monniken en Klui- ^ zenaars, w
Heilige Maria Magdalena, H. Lucia,
Alle H.Maagden en Weduwen, Alle Gods lieve Heiligen,
Wees genadig, spaar hem (haar) Heer.
lt;3 O C et
688 LITANIE VOOR
Wees genadig, verhoor hem (haar! Heer.
Wees genadig, verlos hem (haan Heer.
Van uwe gramschap,
Van het gevaar des doods, Van eenen kwaden dood,
Van de pijnen der hel,
Van alle kwaad, 2-
Van het geweld des duivels, ^ Door uwe geboorte, t=-
Door uw kruis en lijden, i Door uwen dood en uwe be- ^ grafenis, gr
Door uwe heerlijke verrijzenis, ^ Door uwe wonderlijke hemel-
vaart, £
Door de genade van den hei- ®
ligen Geest, den Vertrooster, In den dag des oordeels. Wij, zondaren, wij bidden U,
verhoor ons.
Dat God hem (haar) wilt sparen, wij bidden U, verhoor ons.
DE STERVENDEN. 639 Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer. Ome Vader, enz.
Bij het sterven der zieken.
Vertrek, o christenziel uit deze » wereld, in den naam van God den g- Vader almachtig, die U geschapen B heeft; in den naam van Jesus Christus, den Zoon van den leven-gquot; den God, die voor ü geleden heeft; |s in den naam van den heiligen , Geest, die u is ingestort. ? In den naam der Engelen en £ Aartsengelen; in den naam der troo-nen en heerschappijen;indennaam der Cherubijnen en Seratljnen; in den naam der heilige Apostelen;in den naam der heilige Martelaren en Belijders; in den naam der heilige Monniken en kluizenaars; in den
co
640 DE H. MIS
naam der heilige Maagden en van alle Gods lieve Heiligen: heden zij uwe plaats in vrede en uwe woning in het heilig Sion: door denzelfden JesusChristus, onzen Heer. Amen.
oâ33»-^:
GEBEDEN (mm DÃ HEILIGE MIS
VOOR DE ZIELEN DER GELOOVIGE OVERLEDENEN.
I
Het is eene heilige en zalige gedachte, voor de afgestorvenen te bidden, opdat zij vav hunne zonden mogen ontbonden worden.
H. M. Bach. XII. 46
Voorbereiding.
Overtuigd, o eeuwige Vader, dat U niets meer behagen kan, dan uwen eenigen Zoon, in wien Gij uw welbehagen genomen hebt; en daar hij de verzoening voor de zonden der geheele wereld geworden is: zoo vereenig ik mij in hem met dezen
..
VOOR OVERLEDENEN. 641 priester, om U deze offerande, en in dezelve , uwen eenigen Zoon aan U op te dragen.
In vertrouwen al het goed, dat ik in den naam van uwen Zoon door deze offerande van U verzoek, te zullen verkrijgen, zoo offer ikU deze olTerande op, voor de ziel (zielen) van N.N. en bid U, zoo deze nog niet ten volle aan uwe goddelijke rechtvaardigheid heeft voldaan, en zich nog onder de lijdende zielen in het vagevuur bevindt, dat de genadestem van het bloed uws Zoons haar vertrooste en tot de gewenschte zaligheid roepe, waar zij in uwen vrede eeuwig rusten mag.
Niets van al hetgeen besmet is kan ten hemel ingaan; waar is dan de mensch, die in zijn sterven zoo zuiver bevonden wordt, dat hem niets meer te boeten overblijft? Om deze bedenking dan, doe mij in
41
042 DE H. MIS
mijne verbeelding, de ziel (zielen) van den (de) overledene, voor welke deze offerande zal worden opgedragen, dikwijls voorkomen,
alsof zij in hare smarten, met den weleer lijdenden Job, mij en anderen smeekende toeroept : ontfermt U mijner, ten minste gij die mijne vrienden zijt, want de hand des Heeren heei't mij getroffen.
Verleen mij dan, bid ik U, o barmhartige Vader, dit liefdewerk zoo te volbrengen, dat ik deze of- ner feraude met den priester, voor de cieu ziel (zielen) van N.X. op eene aan- olft gename wijze aanU mag opdragen, 1 opdat zij aan de oneindige voldoe- ver ning van uwen allerliefsten Zoon sm deelachtig, en van hare schulden ontslagen worde, en tegelijk ook mijne ziel van den eeuwigen dood bevrijde, en de menigte mijner zondenuitwissche. Door Christus, licl onzen Heer. Amen. o
(
bar bet
den £rez mij
sch uit ver
â
quot;VOOR OVERLEDENEN. 648 BEGIN DER MIS.
Confiteor. Schuldbelijdenis.
Op de menigvuldigheid uwer barmhartigheden vertrouwende, beken ik voorU,o genadige God, en den ganschen hemel, dat ik zeer g-ezondigd heb; het is mijne schuld, mijne schuld, mijne allergrootste schuld. Daarom bid ik ü, o God, uit het diepste mijns harten, om irk vergiffenis en kwijtscheldiog mij-of- .aer schulden, en die der overle-de fJene geloovigen, voor welke deze m- offerande wordt opgedragen.
Verleen mij deze genade, o God! verhoor mijn gebed,.en Iaat mijn smeeken tot U komen.
Introïtus. - Ingang.
Heer ! geef hun de eeuwige rust, en dat het eeuwige licht hen verlichte. Jn Sion betaamt U alle lof,
o God, en in Jerusalem zal men U
I
644 DE H. MIS
belofte betalen. Verhoor mijn gebed, o God, dat alle vleesch tot U kome. Heer! geef hun de eeuwige rust, en dat het eeuwige licht hen verlichte.
Kyrie eleison. - Ontferming.
Heer ! ontferm U over de zielen die geloovig in uwe liefde gestorven zijn, Christus ! ontferm U hunner , die Gij door uw dierbaar bloed hebt afgekocht. Heer! ontferm U hunner, die de schepper en eeuwige Vertrooster zijt.
Collecte. - Verzameling der Gebeden.
Gebeden op eene Uitvaart.
O God, wien het altijd eigen is te sparen en genadig te zijn : wij bidden U ootmoedig voor de ziel van uwen dienaar (dienares) welke Gij uit deze wereld hebt doen verhuizen ; opdat Gij haar niet overgeeft in de handen des vijands, noch
ïfj
VOOR OVERLEDENEN. 645 ten einde toe vergeet, maar dat zij door de engelen opgenomen en in het hemelsch paradijs gebracht worde, en omdat zij in U geloofd heeft, van de onderaardschepijnen verlost, de eeuwige vreugde geniete. Door Christus, onzen Heer, die met ü en den heiligen Geest, God zijnde, leeft en heerscht, door alle eeuwen der eeuwen. Amen.
Gebed onder den jaarlijkschen dienst.
Heer, die een God der goedertierenheid zijt: verleen aan de ziel van uwen dienaar (dienares) welkerjaargetijde wij heden houden, de eeuwige verkwikking, de zalige rast, en de klaarheid van uw goddelijk licht : door onzen Heer Jesus Christus. Amen.
Gebed voor eenea manspersoon.
Heer! neig uwe ooren tot onze ootmoedige gebeden, door welke
11 â
â Hmb
Mi f amp;
il
HflB1 1 amp;
J
i à t
i li i
I
Bi
mi.
646 DE H. MLS
wij uwe goedertierenheid smeekee . dat Gij de ziel van uwen dienaar N.N., die Gij uit deze wereld hebt doen verhuizen, in het land vao vrede en licht wilt stellen, en haar het gezelschap uwer Heiligen doen genieten. Door onzen Fleer Jesus Christus. Amen.
Gebed voor een vrouwspersoon.
Wij bidden U, o Heer, wees de ziel van uwe dienares N.N. naar uwe goedertierenheid genadig, en herstel haar, die nu van de besmetting der sterfelijkheid verlost is, in het erfdeel der eeuwige zaligheid. Door onzen Heer J esus C hristus. Am.
Gebed voor alle gelooviqe zielen.
O God, Schepper en Verlosser aller geloovigen! verleen aan de zielen uwer dienaren en dienaressen de vergiffenis van al hunne zonden, opdat zij de genadige kwijtschei-
VOOR OVERLEDENEN. 647 ding, waar zij altijd naar verlangd hebben, door godvruchtige gebedeo mogen verwerven ; die leeft eii heerscht, in alle eeuwigheid. Amen.
Epistel.
Broeders! wij zullen wel allen verrijzen, maar niet veranderd worden. Op een wenk, ia eenquot; oogen-blik, als de laatste bazuin zal blazen, zullen de dood en onbederfelijk verrijzen, en wij zullen veranderd worden. Bedroefd u niet over de afgestorvenen, gelijk de heidenen, die geene hoop hebben; want God zal degenen die in Jesus ontslapen zijn, met hem opvoeren, en alzoo zullen zij voor altijd met den Heer zijn. Zalig zijn de dooden die in den Heere sterven, van nu af, zegt de heilige Geest, zullen zij rusten van hunnen arbeid, want hunne werken volgen hen.
DE H. MIS
Onder het Graduale , tot aan het Evangelie.
Heer! geef hun de eeuwige rust, en dat het eeuwige licht hen verlichte.
De rechtvaardige zal zijn in eeuwige gedachtenis:hij zal voor geen kwaad gerucht bevreesd zijn.
Heer! ontbind de zielen der ge-loovige overledenen van den band der zonden, en geef dat zij door uwe genade het oordeel uwer wraak ontkomen, en de zaligheid van het eeuwige licht genieten.
Hierna volgt: de Dag van gramschap, bladz. 401.
Evangelie.
De ure komt, dat allen die in de graven zijn de stem van de Zoon Gods zullen hooren. En die goed gedaan hebben, zullen te voorschijn komen en verrijzen tot het eeuwige
648
VOOR OVERLEDENEN. 649 leven; maar die kwaad gedaan hebben, zullen verrijzen ter verdoemenis. Ik, zeide Jesus, ben de verrijzenis en het leven. Die in Mij gelooft, zal leven al was hij dood; m al die leeft en in Mij gelooft, zal in eeuwigheid niet sterven. Al wat de Vader mij geeft, zal tot Mij komen; en die tot Mij komt, zal Ik niet verwerpen. Dit is de wil mijns Vaders, die Mij gezonden heeft: dat allen die Hem zien en in Hem gelooven, het eeuwige leven hebben; en ik zal hen doen verrijzen m den jongsten dag.
Gebeden na het Evangelie.
Heer Jesus Christus, Koning der heerlijkheid ! verlos alle zielen der geloovige overledenen van de on-deraardsche pijnen en den diepen poel; verlos hen van den muil des leeuws, opdat de afgrond hen niet overweldige, en dat zij in de duis-
650 DE H. MIS
ternis niet nederzinken, maar dat de teekendrager, de heilige Michaë! hen brenge tot uw heilig licht, dat Gij aan Abraham en zijn kroost beloofd hebt. Wij dragen lofoffers en gebeden op : Heer! neem ze voor de zielen wier gedachtenis wij heden houden genadig aan, en doe hen van den dood tot het leven overgaan, dat Gij aan Abraham en zijn kroost beloofd hebt.
Ojjerande der heilige Hostie.
Ontvang, o hemelscheVader, almachtige, eeuwige God, deze onbevlekte offerande, die ik,onwaardig mensch, met den priester en alle geloovigen, aan U, den levenden en waarachtigen God, voor al onze zouden ootmoedig opdraag, alsmede voor de verlossing der geloovige zielen, welker gedachtenis wij heden houden, en voor allen die ge-loovig eninChrisUisgestorvenzijB,
VOOR OVERLEDEDEN.
Offerande des Kelk-s.
Wij dragen ü op, o Heer, den kelk der zaligheid, en bidden uwe goedertierenheid, dat hij voor onze zaligheid en die der geheele wereld, met eenen zoeten geur in de tegenwoordigheid uwer goddelijke Majesteit opklimme. Amen.
Wij bidden U, o Heer, dat gij de ziel van uwen dienaar (dienares) genadig zijt, voor welke wij U het lofoffer opdragen; uwe Majesteit ootmoedig biddende, dat zij en alle geloovige zielen, door deze verzoenende diensten mogen ingaan tot de eeuwige rust. Door Jesus Christus, onzen Heer. Amen.
Gebed
voor de geloovige zielen, op Allerzielendag.
Zie, bidden wij U, o Heer, op
651
I pil
1; , 1 ;
i' â 1 â â quot; lürfe
as
ÃÃÃ
DE H. MIS
hetgeen wij U tot offer aanbieden, en U voor de zielen uwer dienaren en dienaressen opdragen, gunstig neder ; opdat Gij deze, aan welke de verdiensten van het christelijke geloof door U zijn toegezegd, ook de vergeldingverleenet.Door Jesus Christus, onzen Heer. Amen.
Prefatie, gelijk in andere Missen.
Onder den Canon.
Wij keeren ons dan tot uwe barmhartigheid , o eeuwige Vader, en tot de oneindige verdiensten van Jesus Christus, en bidden U voor de ziel (zielen) van N.N. en voor alle welke nog in hunne smarten om de verlossing zuchten. Zij hebben de pijnen , welke zij lijden, rechtvaardig verdiend; doch gedenk, o hemel-sche Vader, dat Jesus, uw eenige Zoon, hun liefderijke Verlosser en middelaar geworden is; dat hij
VOOR OVERLEDENEN. 653 'den, zich zelven om hunnentwil niet aren heeft gespaard, maar zijne ziel in istig de uiterste droefheid voor hen elke geleverd, den bitteren kruisdood ijke ondergaan, en zijn dierbaar bloed ook vergoten heeft. Zijne verdiensten ^sus zijn meer dan overvloedig, om voor hunne schulden te voldoen, en U met hen te verzoenen. °n' Het is dan uws allerliefsten Zoons bitter lijden, zijn smarte-lijken dood en voor ons vergoten rm- dierbaar bloed, hetwelk wij voor ons en voor de zielen welker ge-sus dachtenis wij heden houden, ter voldoening aan U gaan opofferen: opdat uwe barmhartigheid ons van er- de welverdiende straffen genadig gt;ij- bevrijde, en hen uit dien strengs aren kerker verlosse.
el-
ge AU de priester zijne handen over 0£j de offerande houdt.
hij Heer! wees mij in uwe barmhar-
654 DE H. ins
tigheid gedachtig, en mij, arme zondaar (zondares) genadig! Ik was den dood schuldig, doch onwaardig om het zoenoffer mijner zonden te worden; uwe barmhartigheid heeft die op het Lam Gods willen leggen,dat alleen waardig was om U wegens dezelve met ons te verzoenen. Ik offer U dan zijnen dood op, om van den eeuwigen dood verlost te worden, en met U in den tijd en in de eeuwigheid te leven.
Onder de (Consecratie.
O, dat wij, goddelijke Verlosser, uwe liefde kenden, en ze door wederliefde beantwoorden, die U als een slachtoffer op het altaar des kruises voorde zaligheid des men-schen heeft doen sterven ! Doe mij dit steeds gedenken, o Jesus, en geef dat door de krachtuwerliefde, mijn hart en mijne ziel geheel veranderd worden, gelijk het brood
VOOR OVERLEDENEN. ()55 door de kracht van uw goddelijk woord.
Onder het opheffen der heilige Hostie.
Ik aanbid U, o Jesus, mensch-geworden God, die voor ons aan het kruis gestorven en geofferd zijt, en nu door dezen priester wederom wordtopgedragen. Aanzie, o hemel-sche Vader, uwen eenigen Zoon, die zich aan uwe Majesteit opdraagt. Wij offeren U met den priester ootmoedig op zijn lijden, en al hetgeen hij voor onze zaligheid aan het kruis ondergaan heeft,om door zijne waardige dankzegging voor al owe weidaden, en door zijne allerheiligste gebeden, uwe genade en al hetgeen ons in leven en sterven ler zaligheid noodig is, van U te verwerven.
Onder het ophejf 'en van den Kelk.
Jk aanbid u , o dierbaar bloed van
656 DE H. MIS
Jesus, dat als prijs onzer verlossing voor ons vergoten is. O Jesus die gelijk Gij waarlijk in den hemel heerscht, op dit altaar tegenwoordig zijt: wees mij en de lijdende zielen genadig, die met groot verlangen naar hunne verlossing zuchten.
Sla, o hemelscheVader, de oogen uwer barmhartigheid op deze aanbiddelijke offerande, die wij als een reukoffer aan U opdragen. Het is de offerande van uwen eenigen Zoon, in wien Gij uw welbehagen genomen hebt. Hij offert U niets vreemds, o neen, het is zijn eigen Lichaam en Bloed: een Lichaam door zoovele slagen mismaakt, met wonden overdekt, en een bloed dat voor de zonden der geheele wereld vergoten is, en nog voor ons tot U om genade roept. Ja, het is uw allerliefste Zoon, die nog met dezelfde liefde zich aan U opoffert,
VOOR OVERLEDENEN. B57 als toen hij voor ons aan het kruis gestorven is.
Zoudt Gij dan, ogenadige Vader, deze zoo krachtige stem van het lichaam en bloed uws Zoons we! kunnen verwerpen V O neen, want deze opent zelfs uw vaderlijk hart, en doet ons barmhartigheid verwerven. In dit vertrouwen smeek ik U, o eeuwige Vader, door het dierbare bloed van Jesus Christus uwen Zoon, dat Gij op ons en de lijdende zielen met genadige oogeii wilt nederzien, en hen van hunne smarten verlossen. Zend uwe heilige engelen tot hen af, dat zij hen opnemen en in hethemeisch Jeruzalem geleiden, opdat zij, met al uwe Heiligen, U mogen aanbidden , verheerlijken en uwe barmhartigheid loven, in alle eeuwigheid. Amen.
Bid hiei- met den priester het Onze Vader.
42
656 DE H. MIS
Jesus, dat als prijs onzer verlossing voor ons vergoten is. O Jesus die gelijk Gij waarlijk in den hemel heerscht, op dit altaar tegenwoordig zijt: wees mij en de lijdende zielen genadig, die met groot verlangen naar hunne verlossing zuchten.
Sla, o hemelsche Vader, de oogen uwer barmhartigheid op deze aanbiddelijke offerande, die wij ais een reukoffer aan U opdragen. Het is de offerande van uwen eenigen Zoon, in wien Gij uw welbehagen genomen hebt. Hij offert U niets vreemds, o neen, het is zijn eigen Lichaam en Bloed: een Lichaam door zoovele slagen mismaakt, met wonden overdekt, en een bloed dat voor de zonden dergeheele wereld vergoten is, en nog voor ons tot U om genade roept. Ja, het is uw allerliefste Zoon, die nog met dezelfde liefde zich aan U opoffert,
VOOR OVEELEDENEN. H57 als toen hij voor ons aan het kruis gestorven is.
Zoudt Gij dan, ogenadige Vader, deze zoo krachtige stem van hel lichaam en bloed nws Zoons wel kunnen verwerpen V O neen, want deze opent zelfs uw vaderlijk hart, en doet ons barmhartigheid verwerven. In dit vertrouwen smeek ikU, o eeuwige Vader, door het dierbare bloed van Jesus Christus uwen Zoon, dat Gij op ons en de lijdende zielen met genadige oogeo wilt nederzien, en hen van hunne smarten verlossen. Zend uwe heilige engelen tot hen af, dat zij hen opnemen en in hethemelsch Jeruzalem geleiden, opdat zij, met al uwe Heiligen, U mogen aanbidden , verheerlijken en uwe barmhartigheid loven, in alle eeuwigheid. Amen.
Bid hier- met den priester het Onze Vader.
42
658 DE H. MIS
Agnus Dei.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, geef hun de rust.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, geef hun de rust.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, geef hun de eeuwige rust.
Voor de (Jommunie.
Allerheiligste! bevrijd mij van
alle zonden en ongerechtigheden. G Verleen genadig dat ik, met U ver-
eenigd, den weg uwer geboden be- H
wandele en in het goede volharde, iev
Ik ben onbereid en onwaardig om Vra
tot uwe heilige tafel te naderen, en lig»
uw heilig Lichaam en Bloed te ont- lev
vangen; weshalve ik mij uit eerbied gej:
voor dit Heilige der heiligen er all
van onthoude; doch vergun mij ^ai
eenig deel dier genade, die ik door hec
het nuttigen ontvangen zoude, en dei
1
laa lief
en :
UW1
zoo zui gen eeE 1
He( bar dig
VOOR OVERLEDENEN. 659 laat ze mij, door het geloof en de liefde, geestelijk deelachtig worden en mijne ziel versterken ; en als ik uwe heilige tafel nadere, o Jesus, zoo geef dat ik steeds genoegzaam zuiver zij om U waardig te ontvangen ; ten minste zoo waardig als een boetende zondaar zijn kan.
Ik roep dau van verre tot U: Heer, ontferm ü mijner in uwe barmhartigheid! wees mij genadig, om uwen heiligen naam.
Gebed dergenen die communiceeren.
Heer Jesus Christus, Zoon van den levenden God, die naar den wil uws Vraders;, door medewerking des heiligen Geestes, door uwen dood het leven aan de wereld hebt wedergegeven : bevrijd mij, door dit uw allerheiligste Lichaam en Bloed, i'anal mijne zonden en ongerechtigheden. Geef dat ik altijd uwe geboden getrouw blijve, en nooit van U
660 DE H. MIS
gescheiden worde : laat niet toe dat het nuttigen van uw Lichaam, hetwelk ik, onwaardige, voorneem te ontvangen, mij ten oordeel en vonnis strekke; maar dat het mij door uwe genade ter bescherming van ziel en lichaam zalig zij. Die met den Vader en den heiligen Geest, Godzijnde, leeft en heerscht, in alle eeuwigheid. Amen,
Ik zal hethemelsch brood nemen, en den naam des Heeren aanroepen.
Domme, non -sum dignus. (zeg driemaal:)
Heer! ik ben niet waardig dat Gij onder mijn dak komt; doch spreek slechts één woord, en mijne ziel zal gezond worden.
Na de Communie.
Heer! dat het eeuwig licht heo verlichte, omdat Gij barmhartig zij t. Heer! geef hun de eeuwige rust,
A
i
VOOR OVERLEDENEN. 661
^ja dat het eeuwige licht hen verlichte, met uwe Heiligen, in alle eeuwigheid, omdat Gij barmhartig zij t.
Bij eene uitvaart.
Verleen, bidden wij, o almachtige Ood, dat de ziel van uwen dienaar (dienares), die beden uit deze wereld verhuisd is, door deze offerande gezuiverd, van alle zonden ontslagen, uwe goedheid en de eeuwige rust geniete. Door Christus, onzen Heer. Amen.
Bij een jaargetijde.
Wij aanbidden U, o Heer, vergun de ziel van uwen dienaar ( dienares), welker jaarlijksche gedachtenis wij heden houden, dat zij door deze offerande gezuiverd, uwe goedheid en de eeuwige rust geniete. Door Christus, onzen Heer. Amen.
Voor alle geloovige zielen.
Wij bidden U, o Heer Jesus, dat
m '!{|i
â
til mà :|i|t it lil
ï!
O ;;'
i r|f! H
S.Hi Hl
li
662 DE H. MLS
onze smeekende gebeden aan de zielen uwer dienaren en dienaressen voordeelig mogen zijn; opdat Gij hen van de gevolgen der zonden verlost, en aan de verdiensten uwer verlossing deelachtig maakt. Die met den Vader en den heiligen Geest, God zij nde, leeft en heerscht ? in alle eeuwen der eeuwen. Amen, v. Dat zij rusten in vrede. r. Amen.
St. Jans Evangelie, zie hiervoren hladz. 61.
In het begin was het woord,enz.
Gebed na de Mis.
Ik dank U, o Heer, voor de genade welke Gij mij hebt vergund. en mij hebt toegelaten deze offerande aan ü op te dragen. Vergeef mij al hetgeen waardoor ik misdaan heb, en zie met welbehagen op uwen Eeniggeboren, die hier de offerande zelve is.
vooe overledenen. 668
Verleen eenig deel van zijne oneindige verdiensten aan de ziel van N. N. voor welke deze offerande aan U is opgedragen, tot voldoening van hare schulden ; opdat zij hierdoor van hare zonden ontslagen zijnde, (indien haar nog eenige terughouden) de aangename stern mag hooren, dat zij een gezegende des Vaders geworden is, en het erfdeel, dat Gij voor haar bereid hebt, voor eeuwig bezitten mag.
v. Heer ! geef haar de eeuwige rust.
r. En dat het eeuwige licht haar verlichte.
v. De ziel van N. N. en die van alle geloovige overledenen, rusten door de barmhartigheid Gods in vrede.
r. Amen.
DE H. MIS
De Profundis. Psalm 129.
( 'itgehreid en toegepast op de zielen in het vagevuur.
Het is uit het diepste mijns harten dat ik tot U roep: Heer, Heer, verhoor mijn gebed!
Ja, verhoor in uwe goedertierenheid mijn gebed, o God, ten behoeve der lijdende zielen in het vagevuur, die om hunne verlossingzoo zeer door onstotU zuchten, en waarvoor ik U uit medelijden mijn ootmoedig gebed opdraag.
O God ! indien Gij ons al onze ongerechtigheden toerekend, wie zal voor de scherpte uwer oordeelen, in uwe vierschaar kunnen bestaan?
Doch, omd at er bij U overvl oed ige genade is, troost mij door uwe barmhartigheid, volgens welke Gij beloofd hebt te zullen vergeven : deze doet mij op uwe goedheid
664
VOOR OVERLEDENEN. 665 vertrouwen en de uitwerking u-wer beloften verwachten ; terwijl ik op de onfeilbaarheid van uw woord mij vast verlate.
Ja, Heer! mijne ziel verlaat zich nog altijd op uw woord ; zij stelt al hare hoop op U, en draagt U in vertrouwen hare gebeden op; daar zij vast gelooft, dat Gij, volgens het woord uwer belofte, haar dit verzoek niet weigeren zult.
Hoop dan met mij, ellendig Israël ! hoopt met mij, ellendige zielen die in het vagevuur zijt! Ja hoopt van den morgenstond tot den avond toe, en vestigt uwe hoop op het bloed van (Jesus) den beloofden Messias, dat nog voor uwe verlossing wordt opgeofferd; want God, die wel rechtvaardig is, is ook barmhartig; hij is groot in genade en barmhartigheid , en de prijs der verlossing, die voor u betaald is, is overvloedig ; want een enkele druppel
6H6 LITANIE VOOR DE
bloed is meer dan genoeg, om u uit dien brand te verlossen.
Ja, hij die oneindig barmhartig is en alles vermag, zal u al uwe ongerechtigheden vergeven, en uit dien vurigen kerker verlossen.
Verleen hun dan, o God, verleen hun de eeuwige rust, en laat het zaligmakende licht hen eeuwig verlichten. Door Christus, onzeo Heer. Amen.
LITANIE VOOR DE
GELOOYIGE ZIELEN IN HET VAGEYÃÃi
Heer, ontferm U onzer.. Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons. God, hemelsche Vader, ontferm
U over alle geloovige zielen. God Zoon, Verlosser der wereld..
GELOOVIGE ZIELEN. H67
0 ontferm U over alle geloovige zielen.
God, heilige Geest, ontferm U over
alle geloovige zielen.
Heilige Drievuldigheid, één God, ontf.U over alle geloovige zielen. Heilige Maria, bid voor hen. Heilige Moeder Gods,
Heilige Maagd der maagden, Alle heilige Engelen,
Alle H. Oudvaders en Profeten, Alle heilige Apostelen en Evan- S
gelisten,
Alle heilige Martelaren, c Alle heilige Bisschoppen, ^ Alle heilige Leeraren,
Alle H. Priesters en Levieten, p AlleH. Monniken en Kluizenaars, Alle H. Maagden en Weduwen, Alle Gods lieve Heiligen,
Wees genadig, spaar hen. Heer. Wees genadig, verhoor hen. Heer. Van de schrikkelijke vlammen, verlos hen, Heer.
668 LITANIE VOOR DE
Van de vervaarlijke duisterois,
verlos hen, Heer.
Van de pijnen, die zij door de dagelijksche zonden hebben verdiend,
Van al hetgeen zij moeten lijden voor de doodzonden, voor welke zij nog niet ten voile hebben voldaan.
Van alle straffen wegens hunne lt; traagheid en onachizaamheid, 3-Van het droevige geween over » het verzuimen dergelegenhe- =quot; den, die zij gehad hebben om p in de deugd voort te gaan, ^ Van het misbaar dat zij maken ^ omdat zij hunnen tijden wer- r8 ken anders hebben besteed, ais tot uwen dienst en roem, Van het bittere geschrei over het verzuim des gebeds en andere deugden,
Van de kastijding, die zij om hunne ongehoorzaamheid en
GELOOYKfE ZIELEN. 669
genogen eerbied voor himne oversten moeten lijden, verlos hen. Heer.
Van hun beklag over de kleine zorg voor hunne kinderen en onderdanen.
Van al hetgeen zij wegens onmatigheid en ijdele voldoening moeten lijden.
Van de pijnen, die zij om afge- z-keerd)ieid,stuursche woorden, S en geschillen moeten lijden, =⢠Van de ellenden, in welke zij = door ongeduld en korzelheid ^ zijn gevallen. ^
Van de pijnen, die zij door ter-veel of onbehoorlijk spreken hebben verdiend,
Vanhetlijden, dat zij om hunne kwade gedachten en inwendige zonden onderstaan, Wij zondaren, wij bidden U, verhoor ons.
Dat wij, door barmhartig te zijn,
670 LITANIE VOOE DE
voor hun barmhartigheid mogen verkrijgen, wij bidden U, verhoor ons.
Dat wij, door onze ootmoedigheid , voor hunne hoovaardig-heid kwijtschelding mogen verwerven, ^
Dat wij, met ons te versterven, ^ voor hunne zinnelijkheden mogen voldoen, è
Dat wij, door ons geduld, ver- 2 giffenis voor hun ongeduld mogen bekomen, ~
Dat Gij, om onze zachtmoedig- ^ heid, aao hun de zonden van g' haat, nijd en gramschap wilt ^ vergeven, o
Dat wij, door ijverig te bidden, p voor hunne traagheid in het gebed U mogen verzoenen, Dat wij door het oefenen van alle deugden, voor hen vergiffenis van al hunne misslagen mogen verkrijgen,
GELOOVIGE ZIELEN. 671 Dat Gij de zielen van onze ouders, vrienden en weldoeners, die in den Heer gestorven zijn, van de pijnen des va^evimrs wilt verlossen , wij bidden U, verhoor ons. Dat Gij alle geloovige zielen de eeuwige rust wilt doen genieten, wij bidden U, verhoor ons. Lam Gods, dat wegneemt de zonden
der wereld, spaar hen, Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, verhoor hen, Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U hunner, Heer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontterm U onzer.
Onze Vader, enz.
Gebed
voor onze afgestorvene vrienden en weldoeners.
O God, wiens barmhartigheden
672 GETIJDEN
zonder getal zijn, en wiens goedheid zonder einde is : wij bidden U, geel' aan de zielen van onzen vader, onze moeder, zusters en broeders, vergiffenis van al hunne zonden ; opdat zij, van alle straffen en schuld ontbonden zijnde, uw aanschijn mogen aanschouwen in eeuwigheid. Door Christus, onzen Heer. Amen.
gt;-lt;üSgt;-=
VIGILIÃN OF Gr ET IJ D SIC VOOR OVERLEDENEN.
Deze ueijden worden (jeheel Miezen , dat is, met drie Nocturuen of neijen Psalmen en negen Lessen, op A lier zielen day, op iemands sterf dag, of jaargetijde. Men verduhhelt alsdan de Antiphonen, dat is, men leest ze (jekeel uit, voor en achter elke Psalm. Dan wordt er ook een hijzonder gebed gelezen, toepasselijk op den persoon of de personen . voor wien n/en deze getijden leest.
1
B
VOOR OVERLEDENEN.
O!:
673
TE VESPEREN,
Psalm 114.
Antiph. Ik zal den Heere behagen, ik heb bemind , want de Heer zal de slem mijns gebeds verhooren.
Want hij heeft zijne ooren naar mij geneigd : en in mijne dagen zal ik hem aanroepen.
üe pijneD des doods hebben mij omvangen : en de gevaren der hel hebben mij gevonden.
Verdrukking en pijn heb ik gevonden : en den naam des Hee-ren heb ik aangeroepen.
O Heer! verlos mijne ziel: barmhartig is de Heer en rechtvaardig, en onze God doet barmhartigheid.
De Heer is de kiemen bewarende : ik ben verootmoedigd geweest, hij heeft mij verlost.
Keer wederom, mijne ziel, in uwe rust: want de Heer heeft u wel gedaan.
i
rl::l
rit
m
jll
11
li éi
It»® 'ft
i
'i
ii
;i tl
43
674 GETIJDEN
Want hij heeft mijne ziel van den dood, mijneoogen van tranen, mijne voeten van den val verlost.
Jk zal den Heer behagen in bet land der levenden.
Heer ! geel'him de eeuwige rust.
Enheteeuwige licht verlichteheü.
Antiph. Ik zal den Heere behagen in het land der levenden.
Psalm 119.
Antiph. Wee mij.
Tot den Heer heb ik geroepen, als ik verdrukt werd : en hij heeft mij verhoord.
Heer! verlos mijne ziel van de booze lippen, en van de bedriege-lijke tongen.
Wat mocht men u geven, en wat mocht men u toeleggen tot de be-driegelijke tongen.
Scherpe pijlen van den machtige en verdervende kolen.
Wgt;e mij ! want mijne balling-
VOOR OVERLEDENEN. 675 sciiap is verlengd : ik heb gewoond met de bewoners van Cedar : zeer lang is mijne ziel eene vreemde-Jinge geweest.
Met diegenen die den vrede haten , was ik vreedzaam : als ik hun toesprak, stonden zij tegen mij op zonder oorzaak.
Heer ! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte hen.
Antiph. Wee mij ! want mijne
'ballingschap is verlengd.
Psalm 120.
.Antiph. De Heer beware u.
Ik heb mijne oogen opgeheven de bergen, van waar mijne komen zal.
Mijne hulp is van den Heer, die hemel en aarde gemaakt heeft.
Hij laat uwen voet niet uitglijden: m hij slaapt niet die u bewaart.
Zie, hij zal niet sluimeren, noch slapen, die Israël bewaart.
â¢lil?
If
â Ipg:, â i# r' t
'InP ji.fi
m§
1? j-'( %
li li
rmi: li®
â / ..ft
»
lil
BK) GETIJDEN
De Heer beware u: de Heer is uwe bescherming aan uwe rechterhand.
Gedurende den dag zal u de zon niet branden, noch de maan des nachts.
De Heer beware u van alle kwaad : de Heer beware uwe ziel.
De Heer beware uwen ingang en uwen uitgang : van nu af tot in eeuwigheid.
Heer ! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte hen.
Antiph. De Heer beware u van alle kwaad ; De Heer beware uwe ziel.
Psalm 129.
Ant. Indien Gij de boosheden, enz.
Uit de diepte heb ik geroepen tot U : Heer, Heer! verhoor mijne stem.
Laat uwe ooren luisteren naar de stem mijns biddens.
Indien Gij de boosheden gadeslaat. Heer, Heer ! wie zal dan bestaan?
VOOE OVERLEDENEN. H77
Want bij U is verzoening; en om uwe wet, Heer, heb ik U gehoorzaamd.
Mijne ziel heeft vertrouwd op zijn woord : mijne ziel heeft gehoopt in den Heer.
Van den morgenstond tot den nacht toe, zal Israël in den Heer hopen.
Want bij den Heer is barmhartigheid : en bij hem is overvloedige verlossing.
En hij zal Israël verlossen van al zijne boosheden.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
Eu het eeuwige licht verlichte hen.
Antipk. Indien Gij de boosheden gadeslaat, Heer, wie zal dan bestaan V
Psalm 137.
Antipk. De werken uwer handen.
Ik zal U belijden uit ganscher
678 GETIJDEN
harte; omdat Gij de mijns monds gehoord hebt.
In het aanschouwen der engelen zal ik uwen iof zingen: ik zal 1 aanbidden in uwen heiligen tempel, en uwen naam belijden.
Over uwe barmhartigheid ec waarheid; want Gij hebt uwen heiligen naam boven al groot gemaakt
Wanneer ik U zal aanroepeo verhoor mij : Gij zult de kracht k mijne ziel vermenigvuldigen.
U moeten belijden, Heer, all( koningen der aarde : want zij heb ben allen de woorden uws mondf gehoord.
En laat hen zingen ia des Hee ren wegen : want groot is de roer: des Heeren.
Want de Heer is hoog, en hij aanziet de nederigen, en de hoo gen kent hij van verre.
Is het dat ik wande le in het mid den der verdrukkingen, zoo zult Gij
voor overledenen. B79
mij levend maken : en over de gramschap mijner vijanden hebl Gij uwe hand uitgestoken, en uwe rechterhand heeft mij zalig: gemaakt.
De Heer zal voor mij betalen; Heer! uwe barmhartigheid is in eeuwigheid. Wil de werken uwer handen niet versmaden.
Heer ! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte hen. Antiph. De werken uwer handen wil die, o Heer, niet versmaden..
v. Ik heb gehoord eene stem uit den hemet, tot mij zeggende: r. Zalig zijn de dooden die in den Heere sterven.
De Lofzang van Maria. Luc. I.
Antiph. Al wat mij de Vader geeft. Mijne ziel maakt groot den Heer. En mijn geest heeft zich verheugd in God, mijnen Zaligmaker.
Want hij heeft op de ootmoedigheid
680 GETIJDEN
zijner dienstmaagd nedergezien; want ziet, van dezen tijd af zullen alle geslachten mij zalig noemen.
Want hij heeft mij groote dingen gedaan, die machtig is: en heilig is zijnen naam.
En zijne barmhartigheid is van geslacht tot geslacht : voor degenen die hem vreezen.
Hij heeft kracht gedaan door zijnen arm : hij heeft de hoovaardigen verstrooid met den zin huns harten.
Hij heeft de mach tigen afgezet van den troon: en hij heeft de oot-moedigen verheven.
De hongerigen heeft hij met goederen vervuld , en de rijken heeft hij ij del gelaten.
Hij heeft Israël, zijn kind, ontvangen : gedachtig zijnde zijner barmhartigheid.
Gelijk hij gesproken heeft tot onze vaders : tot Abraham en
quot;VOOE OVERLEDENEN. 681 zijn zaad in eeuwigheid.
Heer ! geef hun de eeuwige rust. Eu het eeuwige licht verlichte hen.
Anüph. Al wat mij de Vader geeft, komt tot Mij, en wat tot Mij komt, zal ik niet verwerpen.
Onze Vader, enz. knielende, gelijk ook de volgende Psalmen en Verzen.
AU men de Vigiliën met drie Noc-iurnen bidt, dun leed men niet den lavolgenden Psalm : mijne ziel looit den Heer, enz. maar ivel de Verzen Eesponsorien en het bijzonder Gebed, dat daarop volgt.
Psalm 145.
Mijne ziel looft den Heer ; ik zal den Heer loven in mijn leven : ik zal den Heer lofzingen, zoolang ik wezen zal.
Wil niet vertrouwen op de vorsten; op de kinderen der menschen, waar geene zaligheid in is.
Zijn geest zal uitgaan en zal
i |l
li 1
i fBill
ï â¢
) {)(
i-i'lfi
ik â
V;
lil1
682 (tEtijden
wederkeeren in zijn land; in diea dag zullen alle hunne gedachten vergaan.
Zalig is hij, wiens helper is de God van Jacob, wiens hoop is in den Heer zijn God; die gemaakt heeft hemel eu aarde, de zee en al wat daarin is.
Die de waarheid bewaart jb eeuwigheid ; en degenen, welke onrecht lijden, recht doet; die de hongerigen spijze geeft.
De Heer ontbindt de gebonde-nen ; de Heer verlicht de blindeo. De Heer richt op die nederge-stooten zijn ; de Heer bemint de rechtvaardigen.
De Fleer bewaart de vreemdelingen : de weezen en weduwen zai hij ontvangen; en de wegen der zondaren zal hij vernielen.
De Heer zal heerschen in eeuwigheid ; uw God, oSion, zal heerschen van geslacht tot geslacht
voor overledenen,
Heer ! geef hun de eeuwige rust. En het eeuwige licht verlichte hen. v. Van de poorten der hel. r. Verlos, Heer, hunne zielen, v. Dat zij rusten in vrede. r. Amen.
v. Heer! verhoor mijn gebed. r. En dat mijn geroep kome tot U.
ALGEMEENE GEBEDEN.
Voor afgestorvene bisschoppen en priesters.
O God, die onder de apostolische priesters, uwe dienaars met de bisschoppelijke waardigheid hebt bekleed ; wij bidden U, verleen hun in de hemelsche vreugd, eeuwig met uw gezelschap vereenigd te zijn.
Voor afgestorvene broeders, vrienden en weldoeners.
O God, uitdeeler der genade, en liefhebber dermenschen zaligheid !
H83
lil
lil ii Irlffl
i i fi
i Bi
II iÃ
li 'Ã
684 GETIJDEN
wij bidden uwe goedertierenheid, wil de broeders, vrienden en weldoeners onzer vergadering, die uit deze wereld gescheiden zijn, door de voorspraak van de heilige maagd Maria en van alle Heiligen, de gemeenschap der eeuwige zaligheid yerleenen. Amen.
( oor alle geloooiye Zielen.
O God, Schepper en Verlosser aller geloovigen ! verleen de zielen uwer dienaren en dienaressen vergiffenis van al hunne zonden, opdat zij de genadige kwijtschelding die zij altijd gewenscht hebben, door onze ootmoedige gebeden mogen verkrijgen ; die leeft en ; heerscht, in alle eeuwen. Amen. v. Heer! geefhun de eeuwige rust. r.En het eeuwige licht verlichte hen.
v. Dat zij rusten in vrede. tl Amen.
VOOR OVERLEDENEN. 685 Andere bijzondere gebeden voor de
overledenen : zie achter de Lauden.
TE METTEN.
Het volgende Invitatorium fdat is de. Aiiti-phone en de Psalm die hierna onmiddelijk vol dj leest men alleen op Allerzielendag, en zoo dikwijls als men drie Jvoctunlen leest; anders gaat men dat voorbij, en men begint dan de Antiphone en Psalm, die op dien dag vervallen op deze manier 's Maandags en Donderdags de eerste Nocturne, Dinsdags en Vrijdags de tweede Xocturne en Woensdags en Zaterdags de derde Noctarne.
Invitatorium. De Koüing-, iü wieo. alle dingen leven; komt laat ons Hem aanbidden.
Psalm 94.
Komt, laten wij ons in den Heer verheugen; laat ons met vroolijk-heid zingen God, onzen Zaligmaker; laat ons voor zijn aanschijn komen in belijdenis, en met psalmen laat ons hem toejuichen.
Ã86 GETIJDEN
De Koning, in wien alle dingen leven, komt, laat ons Hem aanbidden.
Want God is een groote Heer en een groote Koning boven alle goden; de Heer zal zijn volk niet verstoo-ten ; want in zijne hand zijn al de einden der aarde, en de hoogten der bergen aanschouwt hij.
Komt, laat ons Hem aanbidden.
Want de zee is van Hem, en hij heeft die gemaakt, en zijne handen hebben de aarde geschapen: komt, Iaat ons Hem aanbidden en neder-vallen voor God ; laat ons weenen voor den Heer, die ons geschapen heeft; want hij is de Heer onze God , en wij zijn volk en de schapen zijner weide.
De Koning, in wien alle dingen leven; komt, laat ons Hem aanbidden.
Indien gij heden zijne stem hoort zoo wilt uwe harten niet verharden.
11
VOOB OVERLEDENEN. 687 gelijk het geschiede in de krijting en oproering des volks, ten dage der terging in de woestijn, waar uwe vaders mij getergd, en mijne werken beproefd en gezien hebben.
Komt, laat ons Hem aanbidden.
Veertig jaren ben ik dit geslacht zeer nabij geweest, en ik heb gezegd : deze dwalen altijd van har-Ie, en deze hebben mijne wegen aiet gekend ; gelijk ik gezworen heb in mijne gramschap, is het dat zij gaan zullen in mijne rust.
De Koning, in wien alle dingen leven.
Komt, laat ons hem aanbidden.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte
Komt, laat ons Hem aanbidden. De Koning, in wien alle dingen
leven.
Komt laat ons Hem aanbidden.
uil
t
it'i;
\yi
â
f-.
il
â¢fiü
â f.
!
; Itn
GETIJDEN
DE EERSTE NOCTURNE,
voor s Maandaqs en Donderdags.
Psalm 5,
Antiph. Beschik.
Vat mijne woorden, Heer, met uwe ooren : versta mijn geroep..
Luister naar de stern mijns ge-beds: mijn Koning en mijn God.
\\ ant tot U zal ik bidden ; Heer, des morgens vroeg zult (jij mijne stem verhooren.
Des morgens vroeg zal ik bij U staan en zien : want Gij zijt geeo God die boosheid wilt.
En bij U zal de kwaad willige niet wonen : en de onrechtvaardigen zullen voor uwe oogen niet blijven.
Gij haat allen die boosheid doen: Gij zult allen die onwaarheid spreken vernielen.
Denbloedgierigen en bedriegeJ ijken man, zal de Heer verfoeien:
688
VOOR OVERLEDENEN. 689 maar door de menigvuldigheid uwer barmhartigheid.
Zoo zal ik iagaau in uw huis: ik zal U aanbidden in uwen heiligen tempel, in uwe vreeze.
Heer! leid mij in uwe rechtvaardigheid, om mijner vijanden wil; beschik in uw aanschouwen mijnen weg.
Want in hunnen mond is de wijsheid niet; hun hart is ijdel
Een open graf is hunne keel ; met hunne tongen deden zij be-driegelijk : oordeel hen, o God!
Dat zij afvallen van hunne gedachten ; naar de menigte hunner boosheden, drijf ze uit: want zij hebben U getergd, o Heer !
En dat zij blijde zijn, allen die in U hopen : in eeuwigheid zullen zij zich verheugen, en Gij zult in hen wonen.
En zij zullen in U verblijd zijn, allen die uwen naam liefhebben:
44
III [ ill II
i I
II
s'
690 GETIJDEN
want Gij zult den rechtvaardige
zegenen.
Heer! als met een schild van uwen goeden wil hebt Gij ons gekroond.
Heer ! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte hen.
Antiph. Beschik, oHeer, mijn God, in uw aanschouwen mijnen weg.
Psalm 6.
Antiph. Word omgekeerd, Heer !
Heer ! straf mij niet in uwe verbolgenheid; en in uwe gramschap, kastijd mij niet.
Ontferm U mijner , Heer , want ik ben krank ; genees mij. Heer, want al mijne beenderen zijn geheel ontsteld.
En mijne ziel is zeer ontroerd : maar Gij, Heer, hoe lang?
Word omgekeerd, Heer, en verlos mijne ziel; maak mij zalig, om «we barmhartigheid.
VOOR OVERLEDENEN. ()91
lige Want er is niemand in den dood, die uwer gedachtig is, en van die U in de hel zal belijden, ons Ik heb gearbeid in mijne verzuchting ; ik zal alle nachten mijn ust. bed wasschen: met mijne tranen len. za] ik mijne rustplaats begieten, od, Mijn oog is van de verbolgenheid Tg. ontroerd : ik ben verouderd onder al mijne vijanden.
Gaat weg vao mij, gij allen die er! boosheid bedrijft : want de Heer ^er- heeft de stem mijns weenens ver-ap, koord; de Heer heelt mijn ootmoedig bidden verhoord : de Heer heeft ant mijn gebed ontvangen. ier, Laat beschaamd en zeer ontsteld ge- worden al mijne vijanden: dat zij bekeerd worden, en zeer haastig [â¢d : zich schamen.
Heer! geef hun de eeuwige rust. er- En het eeuwige licht verlichte hen. om Antiph. Word omgekeerd, Heer, en verlos mijne ziel; want er is nie-
692 GETIJDEN
maud ia den dood, die uwer gedachtig is.
Psalm 7.
Antiph. Opdat hij niet grijpe,.
Heer, mijn God! in U heb ik gehoopt; help mij tegen allen die mij vervolgen, en verlos mij.
Opdat hij mijne ziel niet grijpe als een leeuw; als er niemand is die haar verlost of zaiig maakt.
Heer, mijn God! heb ik dit gedaan, of is er boosheid in mijne handen V
Heb ik met kwaad geloond, die mij met kwaad betaalden; zoo moet; ik terecht ijdel afvallen van mijne vijanden.
Zoo moet de vijand mijne ziel vervolgen en grijpen, mijn leven in de aarde vertreden,en mijne eer tot stof brengen.
Sta op,Heer,in nwe gramschap;
VOOR OVERLEDENEN. 693 en word verheven in de palen van mijne vijanden.
En sta op, Beer, mijn God ! in het gebod dat Gij bevolen hebt! en de vergadering der volkeren zuilen U omringen.
En om hen, keer wederom in het üooge ; de Heer oordeelt de volken.
Oordeel niet, Heer, naar mijne onrechtvaardigheid en schuld over mij.
De arbeid der zondaren zal vernield worden, en Gij zult den rechtvaardige besturen : Gij,o God, die onderzoekende zijt de harten en
nieren.
Mijne rechtvaardige hulp is in den Heer ; die zalig maakt den oprechten van harte.
God is een rechtvaardige rechter sterk en lijdzaam: meent gij dat hij alle dagen vergramd is?
Tenzij gij niet bekeerd wordt, ml hij zijn zwaard opheffen om te
694 GETIJDEN
slaan; zijn boog heeft hij gespannen en dien bereid.
Ãn zoo heeft hij vaten des doods bereid : zijne pijlen heeft hij brandende gemaakt.
Zie, hijheeftvoorgenomenonrecht te doen : met pijn is hij zwanger , en boosheid heeft hij gebaard.
Een put heeft hij open gedaan en dien ontgraven ; en hij is in de gracht gevallen, die hij zelve heeft gemaakt.
Zijne smart zal op zijn hoofd we-derkeeren : en op den top van zijn hoofd zal zijne boosheid nederdalen.
Ik zal den Heer belijden naar zijne gerechtigheid : en ik zal des allerhoogsten Heeren lof zingen.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte hen.
Antvph. Opdat hij mijne ziel niet grijpeals een leeuw; als er niemand is die haar verlost of zalig maakt.
v. Yan de poorten der hel.
VOOR OVERLEDENEN. 695 R, Verlos, Heer, hunne zielen. Onze Vader, enz. In stilte.
De eersre Les. Job 7.
Spaar mij. Heer, want mijne dagen zijn niets. Wat isdemensch, dat Gij hem groot maakt, of waartoe neigt Gij uw hart tot hem? Gij bezoekt hem des morgens vroeg, en haastig beproeft Gij hem. Hoe lang zult Gij mij niet sparen, noch mij niet toelaten, dat ik mijn speeksel zwelge ?
Ik heb gezondigd : wat zal ik U doen, o bewaarder der menschen? waarom hebt Gij mij tegen U gesteld ? en beti ik mij zeiven tot last geworden ? Waarom neemt Gij mijne zonden niet af, en waarom doet Gij mijne boosheid niet weg? Zie, ik zal nu in het stof der aarde slapen; en indien Gij mij 's morgens vroeg zoekt, zoo zal ik niet wezen.
v. Ik geloof, dat mijn Verlosser
696 GETIJDEN
leeft, en in den laatsten dag zal ik uit de aarde verrijzen. En in mijn vleesch zal ik God, mijnen Zaligmaker, zien.
r. Dien ik zelf zal zien en geen ander : en mijne oogen zullen hem aanschouwen.
En in mijn vleesch zal ik God, mijnen Zaligmaker, zien.
De tweede Les. Job 10.
Mijn leven valt mijne ziel verdrietig : ik zal mijne spraak tegen mij laten gaan; ik zal spreken in de bitterheid mijner ziel, en tot God zeggen : wil mij niet verdoemen; geef mij te kennen, waarom Gij mij aldus oordeelt. Dunkt het U goed te wezen, datmen mij ten onrecht vervolgt en mij verdrukt, het werk u wer handen, en dat Gij den raad der ongodvruchtigen helpt V Hebt Gij vleeschelijke oogen, of zult Gij zien gelijk een mensch ziet ? Zijn uwe
1
VOOR OVERLEDENEN. 697 diagen ook gelijk 's meDSchen dagen, en uwe jaren gelijk der menschen tijden, dat Gij mijne boosheid zoekt en mijne rechtvaardigheid onderzoekt? En daar Gij weet, dat ik niets ongoddelijks gedaan heb, bemerk dat er niemand is, die mij uit uwe handen kan verlossen.
v. Die Lazarus uit het graf verwekt hebt: Gij, Heer, geef hun rost en eene plaats van genade.
r. Die zult komen oordeelen levenden en dooden, en de wereld dl oor het vuur.
Gij, Heer, geef hun rust en eene plaats van genade.
De derde Les. Job 10.
Uwe handen. Heer, hebben mij gemaakt en mij rondom geheel bearbeid; en Gij werpt mij zooouvoor-zïenelijk van boven neder? Gedenk (bid ik), dat Gij mij gemaakt hebt gelijk slijk, en tot stof zult Gij mij
H
i|
3
m .i^r
k-li
Mé
11
1
'i rtói |
| il
â â â
j
698 GETIJDEN
wederom brengen. En Gij hebt mij niet als melk gemolken en als een kaas geronnen? Met vel en vleesch hebt Gij mij bekleed, met beenderen en zenuwen hebt Gij mij te zamen gevoegd. Het leven en de barmhartigheid hebt Gij mij gegeven, en uwe bezoeking heeft mijnen geest bezwaard.
v. Heer ! als Gij zult komen oor-deelen het aardrijk, waar zal ik mij verbergen voor het aanschijn uwer gramschap? Want ik heb zeer gezondigd in mijn leven.
r. ik vrees mijne misdaden, en schaam mij voor U ; als Gij zult komen oordeelen, wil mij niet verdoemen.
Want ik heb zeer gezondigd in mijn leven.
Heer ! geef hun de eeuwige rust. En het eeuwige licht verlichte hen.
Want ik heb zeer gezondigd in mijn leven.
.
_
ZOG
za
he
he he
de ng
m
de
VI
hc
VOOR OVERLEDENEN.
Als men maar ééne Nocturne leest , zoo gaat men voort tot de Lauden.
DE TWEEDE NOCTURNE,
voor Dinsdags en Vrijdags.
Psalm 22.
Antiph. In de plaats der weide.
De Heer bestuurt mij, en mij zal niets ontbreken.
In de plaats der weide, daar heeft bij mij gesteld.
Op de wateren der vermaking heeft hij mij opgevoed; mijne ziel heeft hij bekeerd.
Hij heeft mij geleid op de paden der rechtvaardigheid: om zijnen naam.
Want al wandelde ik in het midden van de schaduwen des; doods, zoo zal ik geen kwaad vreezen; want Gij zijt met mij.
Uwe roede en uwen stok, die hebben mij getroost.
â arf
700 GETIJDEN
Gij hebt in mijn aanschonwen eene tafel bereid, tegen die mij kwellen.
Gij hebt mijn hoofd vet gemaakt met olie ; en hoe kostelijk is uwe dronken makende kelk.
En uwe barmhartigheid zal mij navolgen,al de dagen mijnslevens.
Opdat ik wonen moge in het huis des Heeren; tot de langheid der dagen.
v. Heer! geef hun de eeuwige rust.
R.En het eeuwige licht verlichte hen.
AntipU. In de plaats der weide heeft hij mij gesteld.
Psalm 24.
Antiph. De misdaden.
Tot U, Heer, heb ik mijne ziel opgeheven; mijn God! in ü heb ik vertrouwen, en ik zal niet beschaamd worden.
Noch laat mijne vijanden mij niet
II
VOCE, O.VERLEDENEN. 701
bespotten: want allen die U verbeiden, zullen niet beschaamd worden.
Dat zij beschaamd worden, allen die onrechtvaardigheden doen te vergeefs.
Toon mij, Heer, uwe wegen, en leer mij uwe paden.
Beschik mij in uwe waarheid, en leer mij; want Gij zijt mijn God, mijn Zaligmaker : in U heb ik verbeid den geheelen dag.
Wees gedachtig, Heer, uwer genade en barmhartigheid, die van het begin der wereld zijn.
De misdaden mijner jeugd, en mijner onwetendheden, wil die niet gedenken.
Naar uwe barmhartigheid, wees mijner gedachtig: om uwe goedheid , Heer!
Zoet en recht is de Heer;daarom zal hij eene wet geven dengenen, die in den weg misdoen.
Hij zal de zachtmoedigen be-
-il
Ijl
4
m Ifl
1
4P §m
iffi
1
'Ã â I
'i li.
n
r
702 GETIJDEN
schikken in het oordeel: hij zal de goedertierenen zijne wegen leeren.
Al de wegeo des Heeren zijn barmhartigheid en waarheid : aan die zijn verbond en zijne getuigenissen zoeken.
Om uwen naam, Heer, zult Gij mijner zonden genadig wezen : want die zijn menigvuldig.
Wie is de mensch, die den Heer vreest : eene wet heeft hij hem gesteld in den weg. dien hij gekozen heeft.
Zijne ziel zal in goede dingen wonen : en zijn zaad zal de aarde erven.
De Heer is een vastigheid dergenen die hem vreezen: en zijn verbond is, om het hun te laten weten.
Mijne oogen zijn altijd tot den Heer : want Hij zal mijne voeten uit den strik trekken.
Zie op mij, en ontferm U mijner: want ik ben eenzaam en arm.
VOOR OVERLEDENEN. 703
De benauwdheden mijns harten zijn vermenigvuldigd : van mijne nooden verlos mij.
Aanzie mijne ellende en mijnen arbeid : en vergeef mij al mijne misdaden.
Aanzie mijne vijanden, want zij zijn vermenigvuldigd; en meteenen ongerechtigen haat haten zij mij.
Bewaar mijne ziel, en verlos mij : ik zal niet beschaamd zijn, want ik heb in U gehoopt.
De onschuld igen en gerechtigden hebben mij aangehangen, omdat ik in U gehoopt heb.
O God ! verlos Israël uit al zijne verdrukkingen.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte hen.
Antiph. Heer ! wil de misdaden mijner jeugd en mijner onwetendheden niet gedenken.
704 GETIJDEN
Psalm 26.
Antiph. Ik geloof te zien.
De Heer is mijn licht en mijne zaligheid : wien zal ik vreezen ?
De Heer is de beschermer mijns levens : voor wien zal ik beven ?
Als de kwaaddoeners bij mij komen : om mijn vleesch te eten
Die mij kwellen , mijne vijanden zij zijn ziek geworden en gevallen.
Is het dat er krijgsheeren tegen mij staan : zoo zal mijn hart niefc vreezen.
Is het dat er een strijd tegen mij opstaat : daarin zal ik hopen.
Een ding heb ik van den Heer begeerd, dit zal ik verzoeken : dat ik mag wonen in het huis des Heeren, al de dagen miins levens
Opdat ik zien mag al de wellus ten des Heeren, en bezoeken zijnen tempel.
Want hij heeft mij verborgen in
VOOR OVERLEDENEN. 705 zijnen tabernakel : in den kwaden dag heeft hij mij beschermd in het verborgenste zijner woonstede.
Op eenen steen heeft hij mij verheven : en nu heeft hij mijn hoofd verheven boven mijne vijanden.
Ik ben omgegaan, en heb geofferd in zijnen tabernakel: eene offerande des roependen : ik zal zingen en den Heer met zangen vereeren.
Verhoor, Heer, mijne stem, waarmede ik tot U geroepen heb : ontferm U mijner, en verhoor mij.
Tot U heeft mijn hart gezegd : mijn aangezicht heeft U gezocht; uw aangezicht, Heer, zal ik zoeken.
Wil uw aangezicht van mij niet afkeer en : en wijk niet weg in uwe gramschap van uwen dienaar.
Wees mijn helper : wil mij niet verlaten, noch versmaad mij niet, God mijn Zaligmaker.
Want mijn vader en mijne moeder
706 (tETijden
hebben mij verlaten : maar de
Heer heeft mij opgenomen.
Stel mij eene wet, Heer, in uwen weg : en beschik mij in het rechte voetpad, om mijne vijanden.
Lever mij niet in de handen dergenen die mij kwellen ; want tegen mij zijn booze getuigen opgestaan, en de boosheid heeft tegen zich zelve gelogen.
Ik geloof de goederen des Heeren te zien in het land der levenden.
Verwacht den Heer, en doe mannelijk : en uw hart worde versterkt, en verbeide den Heer.
Heer ! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte heo.
Antiph. Ik geloof de goederen des Heeren te zien, in het land der levenden.
v. De Heer stelle hen met de vorsten.
r. Met de vorsten zijns volks.
Onze Vader, enz. In stilte.
m
voor overledenen. 707
De vierde Les. Job 13.
Antwoord mij, hoe groote boosheden en zonden heb ik ? Toon mij mijne misdaden en overtredingen. Waarom verbergt Gij uw aanschijn, en meent Gij dat ik uw vijand ben? Tegen een blad, dat door den wind opgenomen wordt, toont Gij uwe macht: een dorre stoppel vervolgt Gij, want Gij schrijft tegen mij bitterheden. Gij wilt mij vernielen om de zonden mijner jeugd. Gij hebt mijnen yoet in den veterstok gesteld, en ai mijne wegen gadegeslagen, en de stappen mijner voeten hebt Gij bemerkt. Die als verrotheid verteerd zal worden, gelijk een kleed dat van de motteo gegeten wordt.
v. Wees mijner gedachtig, o God! want mijn leven is een wind; en laat des menschen gezicht mij niet aanschouwen.
r. Uit de diepte heb ik tot U
H i
s amp;
Itl
»
lï
s
I | 1
â :4
â¢i'
8W]
-
â ⢠r.;
!â
ififi
708 GETIJDEN
geroepen : Heer, Heer! verhoor mijae stem.
En laat der measchen gezicht mij niet aanschouwen.
De vijfde Les. Job 14.
De mensch, van eene vrouw ge boren, levende eenen korten tijd wordt vervuld met vele ellendigheden. Die gelijk eene bloem uitkomt , wordt in stukken gewreven, vliet weg als eene schaduw, en blijft nimmermeer in goeden staat. Eu dunkthet U waardig opzulkenuwe oogen te openen, en die met U te brengen in het oordeel V Wie kan toch zuiver maken dengenen, die van onzuiver zaad ontvangen is ? Kunt Gij dat niet, die alleen zijt V Kort zijn des menschen dagen; hel getal zijner maanden is bij U. Gij hebt zijne einden gesteld, die niet zullen mogen voorbij gegaan worden. Ga een wijl tijds voor hem,
voor overledenen. 709 «pdathij ruste, totdat zijn begeerde dag (als van eenen huurling) kome.
v. Wee mij, o Heer, dat ik zoo veel heb gezondigd in mijn leven! Wat zal ik , zondig mensch, doen? waar zal ik vlieden dan totü, mijn God! Wees mij genadig, als Gij zult komen in den laatsten dag.
r. Mijne ziel is zeer beroerd; maar Gij ,oHeer,kom haar te hulp. Wees mij genadig, als Gij zult komen in den laatsten dag.
De zesde Les. Job 14.
Wie geeft mij dit, dat Gij mij in die hel beschermt en mij verbergt, totdat uwe verbolgenheid voorbij gegaan is, en dat Gij mij eenen tijd stelt, in welken Gij mijner gedenkt? Meent gij ook dat een dood mensch wederom leven zal ? Al de dagen, in welke ik nu strijd, verwacht ik, tot mijne verandering komt. Gij zult mij roepen, en ik zal IJ
710 getijden
antwoorden : aan het werk uwer handen zult Gij uwe rechterhand toereiken. Gij hebt wel mijn gangen gesteld, maar spaar mijne zonden.
v. Heer ! wil mijner zonden niet gedachtig zijn, als Gij zult komen oordeelen de wereld door het vuur.
e. Mijn Heer, mijn God ! beschik in uw aanschouwen mijnen weg.
Als Gij zult komen oordeelen de wereld door het vuur.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte hen.
Als Gij zult komen oordeeleo de wereld door het vuur.
Als men maar éène Nocturne leent . zoo qaaf men voort tot de Lauden.
DE DERDE NOCTURNE,
voor Woendags en Zaterdags.
Psalm 39.
Antiph. U believe, Heer!
VOüE OVERLEDENEN. 711
Verbeidende, heb ik den Heer verbeid : en hij heeft op mij gelet.
En hij heeft mijne gebeden verhoord : en hij heeft mij uit den poel der ellendigheden getrokken, en uit het slijk der vuiligheid.
En hij heeft mijne voeten gesteld op den steen, en mijne gangen recht gemaakt.
En hij heeft in mijnen mond eenen nieuwen zang gesteld: eenen lofzang voor onzen God.
Vele menschen zullen zien en vreezen, en hopen in den Heer.
Zalig is de man, wiens hoop is in den naam des Heeren : en die niet omgezien heeft naar ijdelhe-den of valsche dwaasheden.
Heer, mijn God! Gij hebt vele wonderheden gedaan : en in uwe gedachtenis is niemand uws gelijk.
Ik heb ze verkondigd en uitgesproken : zij zijn vermenigvuldigd boven het getal.
712 GETIJDEN
Slacht- en spijsoffer hebt Gij niet gewild : maar de ooren hebt Gij mij geopend.
Brand- en zoenoffer hebt Gij niet begeerd : toen zeide ik, zie ik kom.
In het begin van het boek is van mij geschreven, dat ik uwen wil doen zoude : mijn God ! ik heb het gewild, en uwe wet is in het midden van mijn hart.
I k heb uwe rechtvaardigheid verkondigd in eene groote vergadering : zie mijne lippen zal ik niet verbieden, Heer, dat Gij weet.
Uwe rechtvaardigheid heb ik niet verborgen in mijn hart; van uwe waarheid en uwe zaligheid heb ik gesproken.
Ik heb uwe barmhartigheid niet verborgen : en uwe waarheid voor de groote gemeente.
Maar Gij, Heer, wend uwe barmhartigheden niet ai' van mij : uwe
VOOR OVERLEDENEN. 713 barmhartigheid en waarheid hebben mij altijd ontvangen.
Want de kwaden hebben mij omvangen, welke talloos zijn : mijne boosheden hebben mij aangegrepen, en ik heb het niet kunnen zien.
Zij zijn vermenigvuldigd boven de haren mijns hoofds : en mijn hart heeft mij verlaten.
U believe, Heer, dat Gij mij verlost : Heer! wil opzien om mij te helpen.
Laat hen beschaamd worden en te zamen vreezen, die mijne ziei zoeken, om die weg te nemen.
Laat ze terugkeeren, en tot schande worden, die mij kwaad willen.
Laat ze haastig hunne beschaamdheid dragen, die mij zeggen : vrij alzoo, vrij alzoo.
Laat ze verheugd en blijde zijn over U, allen die U zoeken, en laat ze altijd zeggen, die uwe zaligheid
714 GETIJDEN
beminnen : de Heer worde groo-telijks geloofd.
Maar ik ben behoeftig en arm : de Heer is voor mij bezorgd.
Mijn helper en mijn beschermer zijt Gij : God, wil niet vertoeven.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
Eu het eeuwige licht verlichte hen.
Antiph. U believe. Heer, dat Gij mij verlost: Heer! wil opzien om mij te helpen.
Psalm 4U.
Antiph. Genees, Heer!
Zalig is de man, die zich wijsse-lijk ontfermt over de behoeftigen en de armen : in den kwaden dag zal hem de Heer verlossen.
De Heer beware hem. en make hem levend, en hij make hem zalig op aarde : en hij levere hem niet in den wil van zijne vijanden.
De Heer kome hem te hulp op het bed zijner droefheid : geheel
VOOR OVERLEDENEN. 715 zijn bed hebt Gij omgekeerd in zijne krankheid.
Ik heb gezegd : Heer! ontferm U mijner: genees mijne ziel, want ik heb tegen U misdaan.
Mijne vijanden hebben tegen mij kwaad gedaan : wanneer zal hij sterven, en wanneer zal zijn naam vergaan V
En als er iemand binnen kwam om te zien, zoo sprak hij valsch-heden : zijn hart heeft boosheid vergaderd voor zich zeiven.
Ging hij buiten, hij sprak van dat zelfde.
Tegen mij hebben al mijne vijanden heimelijk gemompeld: tegen mij hebben zij kwaad gedacht.
Een boos woord hebben zij tegen mij vastgesteld : meent gij, dat hij die slaapt, niets doen zal om op te staan V
Ookdemenschmijns vredes, daar ik op vertrouwde, die mijn brood
716 GETIJDEN
at, heeft mij grootelijks onder de
Toeten getreden.
Maar Gij, Heer, ontferm U mijner, en wek mij op : en ik zal het hun vergelden.
Daaraan heb ik gekend, dat Gij mij gewild hebt : want mijn vijand zal zich niet verblijden over mij.
Maar Gij hebt mij om mijne onschuld ontvangen : en Gij hebt mij vastgemaakt voor uw aangezicht in eeuwigheid.
Verheerlijkt worde de Heer, God van Israël, van eeuw tot eeuw : dat geschiede, dat geschiede !
Antiph. Genees, Heer, mijne ziel : want ik heb tegen U gezondigd.
Psalm 41.
Antiph. Mijne ziel heeft dorst gehad.
Gelijk een hert smacht naar de
VOOR OVERLEDENEN. 717 waterbronnen : zoo smacht mijne ziel, o God, naar U.
Mijne ziel heeft dorst gehad naar den machtigen en levenden God; wanneer zal zij komen en verschijnen voor het aanschijn Gods?
Mijne tranen zijn mijn brood geweest, dag en nacht: als mij dagelijks gezegd wordt: waar is uw God?
Deze dingen b en ik gedachtig geweest , en ik heb mijne ziel in mij uitgestort: want ik zal overgaan tot de plaats des wonderlijken Tabernakels, tot het iiuis van God.
In de stem der verheuging en des lofs : onder het geluid dergenen die blijde etende zijn.
Waarom zijt gij bedroefd, mijne ziel: en waarom verstoort gij mij ?
Hoop op God, want ik zal hem nog loven : hij is de Zaligmaker mijns aangezichts en mijn God.
In mijn binnenste is mijne ziel geheel beroerd; daarom zal ik uwer
718 (iETIJDEÃf
gedachtig zijn uit het land der Jor-daan en Hermonun, van den kleinen berg.
De eene afgrond roept den anderen afgrond : onder het ge-druisch uwer watersluizen.
Al uwe hooge vloeden en baren zijn over mij gegaan.
In den dag heeft de Heer zijne barmhartigheid bevolen : en in den nacht zijnen lofzang.
Bij mij is het gebed tot den God mijns levens : ik zal tot God zeggen : Gij zijt mijn beschermer.
Waarom hebt Gij mij vergeten: en waarom ga ik bedroefd als de vijand mij kwelt V
Als mijne beenderen geheel gebroken worden : zoo hebben mij mijne vijanden beschermd, die mij leed doen.
Als zij mij dagelijks zeggen: waar is uw God ? waarom zijt
voor overledenen. 719 gij bedroefd, mijne ziel, en waarom verstoort gij mij V Hoop in God; want ik zal hem an- nog loven, den Zaligmaker mijns ge- aangezichts en mijnen God.
Heer! geef hun de eeuwige rust. ren En het eeuwige licht verlichte hen.
Antipk. Mijne ziel heeft dorst ge-
⢠had naar den levenden God : wan-
^ jjn neer zal ik komen en verschijnen
voor het aanschijn des HeerenV
. v. Lever aan de beesten de zielen
lt; niet dergenen, die U belijden.
r0d r. En vergeet de zielen uwer
er* armen niet tot het einde.
311: Onze Vader, enz. in stilte.
de
De zevende Les. Job 17.
567 Mijn geest zal verminderen, mijne Q|j dagen zullen gekort worden, en het oij graf blijft mij alleen over; ik heb niet gezondigd, en in bitterheden n : blijft mijn oog. Verlos mij, Heer, ijt en stel mij nevens U, en laat dan
Jor-:lei-
720 GETIJDEN
een ieders hand tegen mij strijden Mijne dagen zijn voorbijgegaan mijne gedachten zijn verstrooid pijnigende mijn hart. Den nacht hebben zij verkeerd in den dag, en wederom na de duisternis hoop ik het licht. Ai is het dat ik verbeide^ zoo is echer het graf mijn huis; en in de duisternis heb ik mijn bed ge maakt. Tot de verrotheid heb ik gezegd : gij zijt mijn vader, en tot de wormen: gij zijt mijne moeder en mijne zuster. Hierom, waar is nu mijne verwachting, en wie bemerkt mijn geduld V
v. De vreeze des doods beroert mij, die dagelijks zondig'e, en geene boete doe. Want in de hel is geene verlossing : ontferm U mijner, o God, en behoud mij.
r. God! in uwen naam, maak mij zalig, en door uwe kracht verlos mij.
Want in de hel is geene verlos -
voor overledenen. 72L sing, ontferm U mijner, o God, en behoud mij.
De achtste Les. Job 10.
Aan mijn vel (het vleesch verteerd zijnde) heeft mijn gebeente gehangen, en de lippen zijn alleen gelaten over mijne tanden. Ontferm U mijner, ten minste gij, mijne vrienden ; want de hand des Heeren heeft mij geraakt. Waarom vervolgt gij mij, gelijk God, en wordt gij van mijn vleesch verzaad ? wie zal mij verleenen dat mijne woorden geschreven worden V Wie zal mij geven dat ze gedrukt worden in een boek met een ijzeren stift, en Ie looden platen V Of dat ze met een beitel gesneden worden in den hard-sten steen ? Want ik weet wel, dat mijn Verlosser leeft; en in den uitersten dag zal ik uit de aarde wederom opstaan, en ik zal wederom overtrokken worden met mijn vel, en
46
'ï
1
722 GETIJDEN
in mijn vleesch zal ik mijnen God zien. Dien ik zelf zien zal, en mijne oogen zullen hem aanschouwen, en geen ander. Deze mijne hoop berust in mijnen boezem.
v. Heer! wil mij niet oordeelen naar mijne werken: want ik heb nietswaardigs gedaan in uwe tegenwoordigheid. Daarom bid ik uwe Majesteit, dat Gij, o God, mijne boosheid wilt uitwasschen.
E. Wasch mij nog meer van mijne ongerechtigheden, en van mijne zonden zuiver mij.
Dat Gij, o God, mijne boosheid wilt uitwasschen.
De negende Les. Job 10.
Waarom hebt Gij mij uit de moeder voortgebracht V Ach! of ik vernield ware geweest, dat geen oog mij zag. Zoo zoude ik geweest zijn alsof ik niet ware, van den buik voorts weggedragen ten grave. Zal
voor overledenen. 723 de kortheid mijner dagen niet haast een einde nemen ? Daarom laat mij toe dat ik een weinig mijne pijn mag beweenen. eer dat ik ga, en niet wederkeere tot dat duistere land, en bedekt met de duisternis des doods : dat land der ellende en duisternis, waar de schaduw des doods en geene geschiktheid, maar de eeuwige gruwel woont.
v. Verlos mij, o Heer, van de wegen der hel, Gij die de metalen poorten gebroken, de hel bezocht, en hun bet licbt gegeven hebt; en dat zij U zouden zien, die daar waren in de pijnen der duisternis.
r. Roepende en zeggende: Gij zijt tot ons gekomen, onze Verlosser.
Die daar waren in de pijnen der duisternis.
Heer ! geel' hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte hen.
Die daar waren in de pijnen der duisternis.
724 GETIJDEN
Het navolgende Responsorium least men alleen op Allerzielendag, en als men drie Nocturnen leest.
O Heer! verlos mij van deo eeuwigen dood, van dien vreese-lijkendag, als de hemelen en de aarde zullen beroerd worden: ais Gij zult komen oordeelen de wereld door het vuur.
v. Bevende ben ik geworden, eii ik vrees het onderzoek dat komen zal, en de toekomende gramschap..
Als de hemelen en de aarde zuilen beroerd worden ; als Gij zult komen oordeelen de wereld door het vuur.
r. Die dag is een dag van gramschap, van benauwdheid en ellea-den : een lange en zeer bittere dag Als Gij zult komen oordeelen de wereld door het vuur.
Heer ! geef hun de eeuwige rust. En het eeuwige licht verlichte hec. O Heer! verlos mij van den een-
VOOE OVERLEDENEN. 725 wigendood, in dien vreeselijken dag, als de hemelen en de aarde zullen beroerd worden; als Gij zult komen oordeelen de wereld door het vuur.
De Lauden.
Psalm 59.
Antiph. De verootmoedigde.
Ontferm ü mijner, o God, naar we groote barmhartigheid.
En naar de menigte uwer barm-liartigheden, wisch mijne boosheid
â S
Wasch mij nog meer van mijne ongerechtigheid : en zuiver mij van mijne zonden.
Want mijne boosheid bekenik: en mijne zonden zijn altijd tegen mij.
Tegen ü alleen heb ik gezondigd , en kwaad voor ü gedaan: opdat gij zoudt gerechtvaardigd worden in uwe woorden, en overwinnen als Gij beoordeeld wordt.
Want zie, ik ben in boosheden
726 GETIJDEN
ontvangen : en in zonden heeft van mij mijne moeder ontvangen. den Want zie, Gij hebt de waarheid I! bemind : de onzekere en verbor- ren gene dingen uwer wijsheid hebt U 1 Gij mij geopenbaard. ^
Gij zult mij besproeien met hy - Go( sop, en ik zal gezuiverd worden : ton Gij zult mij wasschen, en bovea bo\ sneeuw zal ik wit worden.
Aan mijn gehoor zult Gij blijdschap en vreugde geven : en de verootmoedigde beenderen zullen zich verheugen.
Keer uw aangezicht van mij ne zon den : en wil al mijne boosheden uitwasscheu.
Een zuiver hart schep in mij, o God : en den rechten geest vernieuw in mijn binnenste.
Verwerp mij niet van uw aanschijn : en neem uwen heiligen Geest van mij niet weg.
Geef mij wederom de blijdschap
k
VOOR OVERLEDENEN. 7 27 van uwe zaligmaking : en met den goeden geest versterk mij.
I k zal de boozen uwe wegen lee-ren : en de goddeloozen zullen tot U bekeerd worden.
Verlos mij van het bloed, o God y God mijner zaligheid : en mijne tong zal uwe rechtvaardigheid boven mate loven.
Heer! Gij zult mijne lippen open doen : en mijn mond zal uwen lof verkondigen.
Want hadt Gij gewild, ik zoude immers U opdracht gegeven hebben : maar Gij zult in de brandoffers geen genoegen hebben.
Een opdracht voor God is een bedrukte geest: een vermorzeld en verootmoedigd hart zult Gij, mijn God, niet versmaden.
Heer! doe goedertierenheid aaa Sion naar uwen goeden wil; en laat de muren van Jeruzalem opgebouwd worden.
728 GETIJDEN
DanzultGij de opdracht der rechtvaardigheid ontvangen,de offeranden en branoffers : dan zullen zij kalveren op uw altaar leggen.
Heer ! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlichte hen.
Antiph. De verootmoedigde beenderen zullen zich verheugen in den Heer.
Psalm 64.
Antiph. Verhoor, Heer, mij a gebed, enz.
God! U betamen lofzangen ia Sion : en U zal de belofte betaald worden in Jeruzalem.
Verhoor mijn gebed : tot U zal alle vleesch komen.
De woorden der boozen zijn machtiger geworden dan wij: en onze boosheden zult Gij genadig zijn.
Zalig is hij, dien Gij verkoren en aangenomen hebt: hij zal wonen in uwe voorhoven.
VOOR OVERLEDENEN. 729 zullen vervuld worden met de goederen van uw huis : heilig is uw tempel, wonderlijk in de gerechtigheid.
Verhoor ons, God, onze Zaligmaker : Gij die de hoop zijt der gan-sche wereld, en verre in de zee.
Bereidende de bergen in uwe kracht, omgord met macht : die verstoort de diepte der zee, het geluid van hare baren.
De heidenen zullen verbaasd worden , en zij zullen vreezen voor uwe teekenen, die in de uiterste palen wonen : de uitgangen van den morgen- en van den avondstond zult Gij genoegelijk maken.
Gij hebt de aarde bezocht, en die iieel vochtig gemaakt: Gij hebt menigvuldig haar rijk gemaakt.
De vloed Gods is vervuld met wateren : Gij hebt hun spijze bereid: want alzoo is haar bereidsel.
Maak hare rivieren dronken, ver-
780 GETIJDEN
menigvuldig hare spruiten:ia hare regendruppelen groeiende, zal zij zich verblijden.
Gij zult zegenen de kroon des jaars van uwe goedertierenheid : en uwe velden zullen vol worden van vruchtbaarheid.
Vet zullen worden de schoone plaatsen der woestijn : en met vroolijkheid zullen de heuvelen omvangen worden.
De rammen der schapen zijn gekleed , en de val ei en zullen overvloedig zijn van tarwe : zij zullen roepen, en waarlijk lofzang zeggen.
Heer ! geef hun de eeuwige rust, Eu het eeuwige licht verlichte hen .
Antiph. Verhoor, Heer, mijn gebed : tot U zal alle vleesch komen
Psalm 62.
Antiph. Mij heeft ontvangen.
God, mijn God ! tot U ontwaak ik des morgens vroeg.
VOOR OVERLEDENEN. 781
Mijne ziel heeft gedorst naar U : toe menigvuldig dorst naar ü mijn vleesch.
In het woeste land en onbewan-deld, en zonder water: zoo heb ik mij voor U vertoond, in de heilige plaats, opdat ik zoude zien uwe kracht en uwen roem.
Want beter is uwe barmhartigheid boven vele levens : mijne lippen zullen U loven.
Alzoo zal ik U verheerlijken in mijn leven ; en in uwen naam zal ik mijne handen opheffen.
Gelijk als met vet des ingewands en smeer, laat mijne ziel vervuld worden : en met de lippen des ver-heugens zal mijn mond U loven.
Ik ben uwer gedachtig geweest in mijn bed : in de morgenstonden zal ik op U denken, want Gij zijt mijn helper geweest.
En onder het deksel uwer vleugelen zal ik mij verheugen ; mijne
732 GETIJDEN
ziel heeft U aangehangen : uwe rechterhand heeft mij ontvangen. en Maar zij hebben te vergeefs mij ne vo ziel gezocht : zij zullen onder de he aarde nederdalen : zij zullen geleverd worden in de handen des la zwaards : der vossen prooi zullen de zij wezen.
Maar de koning zal zich verblij- G( den io üod : zij zullen geprezen vt worden, allen die hem zweeren ; 1 want de mond is gestopt van al 1 diegenen die booze dingen spreken.
Psalm 60. H
God wille ons barmhartig zijn, en zegene ons : hij late zijn aangezicht over ons schijnen en ont-ferme zich onzer. dt
Opdat wij op de aarde uwen d( weg mogen kennen : onder alle heidenen uwe zaligheid. ja
Laat alle volken U belijden, o zï God! laat alle volken ü belijden :
_L
VOOK, OVERLEDENEN. 7B8
we ^ ^aat de heidenen zich verblijden
a. en verheugen: want Gij oordeelt de
jne volken in rechtvaardigheid, en de
de heidenen bestuurt Gij op de aarde,
re- Laat de volkenUbelijden,o God!
les laat alle volken U belijden : de aar-
en de heeft hare vrucht gegeven.
Dat God ons zegene, onze God :
[ij- God zegene ons, en hem moeten
ien vreezen al de einden der aarde,
n ; Heer ! geef hun de eeuwige rust.
al En het eeuwige licht verlichte hen.
m. Antiph. Mij heeft ontvangen , Heer, uwe rechterhand.
De Lofzanq van Ezechias. Isaïas 58.
m,
m- Antiph. Van de poorten der hel it- Ik heb gezegd in de helft mijner dagen : ik zal gaan tot de poort en der hel.
11e Ik heb het overblijfsel mijner jaren gezocht; ik heb gezegd : ik o zal den Heer, mijnen God, niet en zien in het land der levenden.
784 GETIJDEN
Ik zal geenen mensch verder meer aanzien ; en geenen inwoner der rust.
Mijns levensloop is weggenomen, en opgewonden van mij : als eene hut der herderen.
Mijn leven is afgesneden als van eenen wever : toen ik nog begon, hij heeft mij afgesneden : van den morgenstond tot den avond zult Gij mij vinden.
Ik hoopte tot den morgenstond : als een leeuw zoo heeft hij al mijne gebeenten in stukken gebroken.
Van den morgenstond tot den avond zult Gij mij vinden : als een zwaluwen-jong zoo zal ik roepen : ik zal bedenken als een duif.
Mijne oogen zijn gekrenkt: opwaarts ziende naar de hoogten.
Heer ! ik lijd geweld, antwoord voor mij: wat zalik zeggen, of wat zal hij mij antwoorden, als hij het zelf gedaan heeft ?
VOOR OVERLEDENEN. 785
Ik zal voor mijne jaren overdenken : in de bitterheid mijner ziel.
Heer! is het dat eenen alzoo leeft, en is in al zulke dingen het leven mijns geestes, zoo zult Gij mij straffen, en mij levend maken : zie, in den vrede is mijne bitterheid de allerbitterste.
Maar Gij hebt mijne ziel verlost, opdat zij niet vergaan zoude : Gij hebt al mijne zonden achter uwen rug geworpen.
Want de hel zal u niet belijden, noch de dood U loven : zij zullen uwe waarheid niet verwachten, die in den poel nederdalen.
Delevendezal U belijden,gelijk ik heden ook doe: de vader zal de kinderen uwe waarheid doen kennen.
Heer ! behoud mij : en wij zullen onze lofzangen zingen al de dagen onzes levens, in het huis des Heeren.
Heer! geef hun de eeuwige rust
! '(
irfe i
gt; If
736 GETIJDEN
En het eeuwige licht verlichte he el
Antiph. Van de poorten der hel : o Heer! verlos mijne ziel.
Psalm 148.
Antiph. Alle geesten.
Looft den Heer, gij die van de hemelen zijt : looft hem in deti hoogste.
Looft hem, al zijne engelen : looft hem, al zijne krachten.
Looft, hem, zon en maan ; looft hem, alle sterren en lichten.
Looft hem, gij hemelen der hemelen : en de wateren, die boven de hemelen zijn, loven des Hee-ren naam.
Want hij heeft gesproken, eo zij zijn gemaakt : hij heeft het geboden, en zij zijn geschapen.
Hij heeft die vastgesteld in eeuwigheid : en in de eeuwigheid der eeuwigheden ; een gebod heeft hij gesteld, en het zal niet vergaan.
Looft den Heer, gij die van de
VOOR OVERLEDENEN. 787 aarde zijt, draken en alle afgronden.
Vuur, hagel , sneeuw, ijs, winden en stormen, die zijn woord doet.
Bergen en alle heuvelen, vrucht-boomen en alle cederboomen.
Beesten en allerhande vee, slangen en gepluimde vogelen.
Koningen der aarde en alle volken , vorsten, en alle rechters der aarde.
Jongelingen en maagden, oude en jonge lieden, loven den naam des Fleeren : want zijn naam alleen is verheven.
Zijne belijdenis is boven den hemel en de aarde : en hij heeft den hoorn zijns volks verheven.
Lofzang zij aan al zijne heiligen : de kinderen van Israels volk,, dat hem genaakt.
1-7
GETIJDEN
Psalm 149.
Zingt den Heer eenen nieuwen lofzang : zijn lof zij in de vergadering der heiligen.
Laat Israël blijde zijn in hem, die hen geschapen heeft: en Sion s zonen zich verblijden in hunnen Koning.
Dat zij zijnen naam loven in de kooren : dat zij met trommel en snarenspel hem lofzingen.
Want de Heer heeft behagen in zijn volk:en hij heeft de zachtmoe-digen verheven ter zaligheid.
De heiligen zullen zich verheugen in den roem : zij zullen blijde zijn in hunne slaapkamers.
De verheffing Gods zij in hunne keelen: en zwaarden aan beide zijden snijdende, in hunne handen.
Om wraak te doen aan de volkeren ; straffingen onder de volkeren.
Om hunne koningen te binden
788
VOOR OVERLEDENEN. 789 met ketenen : en hunne edelen met ijzeren boeien.
Om over hen te doen het beschreven oordeel : deze roem is aan alle zijne heiligen.
Psalm 150.
Looft den Heer in zijne heiligen : looft hem in het uitspansel zijner sterkte.
Looft hem in zijne heirkrach-len ; looft hem naar de menigte zijner grootheid.
Looft hem met het geluid der trompetten : looft hem met psalm en snarenspel.
Looft hem met de trommel en in rijen : looft hem niet snaren en orgelen.
Looft hem met de welluidende cymbalen : looft hem met de cym-balen der vreugde; alle geesten loven den Heer.
Heer ! geef hun de eeu wige rust.
740 GETIJDEN
Enhet eeuwige licht verlichte hen, Ant. Alle geesten loven den Heer. v. ik heb eene stem van den hemel gehoord , tot mij zeggende
R. Zalig zijn de dooden, die in den Heer sterven.
De lofzang van Zaeharias. Lv/:. L
AntipU. Ik ben de verrijzeais. Verheerlijkt zij de Heer, God van Israël : want hij heeft bezocht en bewerkt de verlossing zijns volks.
Eu hij heeft ons opgericht een hoorn der zaligheid : in het huis van zijnen dienaar David.
(lelijk hij gesproken heeft door den mond zijner heilige profeten : die van het begin der wereld zijn.
Verlos ons van onze vijanden: en uit de hand van allen die ons haten.
Om barmhartigheid te doen met onze vaderen : om te gedenken aan zijnen heiligen uitersten wil. Den eed, dien hij gezworen heeft
VOOR OVERLEDENEN. 741 nan Abraham, onzen vader : dat ons geven zoude.
Dat wij zonder vreeze, verlost zijnde uit de handen onzer vijanden, hem dienen zouden.
In heiligheid en rechtvaardigheid voor hem : al onze dagen.
En gij, kind, zult een profeet des Allerhoogsten genoemd worden : want (jij zult voor des Hee-ren aangezicht gaan, om zijne wegen te bereiden.
Om de kennis der zaligheid te geven aan zijne volkeren : tot vergiffenis voor hunue zonden.
IJoor de oprechte barmhartigheid Gods : door welke hij ons bezocht heeft, opgaande uit den hoogen.
Om te verlichten degenen die in de duisternis en in de schaduw des doods zitten.
Om onze voeten te bestieren in den weg des vredes.
T
742 GETIJDEN
Heer! geef hun de eeuwige rust .
En het eeuwige licht verlichte hen de Antipk. Ik ben de verrijzenis en be het leven; die in mij gelooft, al ware hij dood, zal leven : en al die u\ leeft, en in mij gelooft, zal in eeuwigheid niet sterven. vt
Onze Vader, enz. knielende, gelijk H1 ook de volgende Psalmen en Verzen.
v. Eu leid ons niet in bekoring nlt; r. Maar verlos ons van den H kwaden.
Als men de Vigiliën met drie Noc- tij turnen leest, zoo leest men den na- V( volgenden Psalm niet: uit de diepten, enz. maar welde Verzen, Res- al ponsorien en het bijzondere Gebed, pag. iïSH.
Psalm 129.
Uit de diepten heb ik tot U geroe pen ; Heer,Heer! verhoor mijne stem Laat uwe ooren luisteren naar de stem mijns biddens.
VOUli overledenen. 748 si Is het dat Gij de boosheden ga-en.. deslaat: Heer, Heer! wie zal dan en bestaan ?
al Want bij U is verzoening : en ora die uwe wet heb ik U, Heer, gediend, in Mijne ziel heeft op zijn woord vertrouwd ; mijne ziel heeft in den lijk Heer gehoopt.
i. Van den morgenstond tot den
ng nacht toe : zoo laat Israël in den en Heer hopen.
Want bij den Heer is barmhar-oc- tigheid ; en bij hem is overvloedige ia- verlossing.
!|gt;- En hij zal Israël verlossen van 'es- al zijne boosheden.
â d, Heer ! geei' hun de eeuwige rust.. En het eeuwige licht verlichte hen. v. Van de poorten der hel. r. Verlos, Heer, hunne zielen, e- v. Dat zij rusten in vrede, m. R. Amen.
ar v. Heer ! verhoor mijn gebed.
r. En mijn geroep kome tot U.
BIJZONDERE
OTEDE\ OF ALLEHIKIÃLENDAG.
O God, Schepper eu Verlosser aller geloovigen! verleen de zielen uwer dienaren en dienaressen vergiffenis van al hunne zonden, opdat zij de genadige kwijtschelding, die zij altijd gewenscht hebben , door onze ootmoedige gebeden mogen verkrijgen; die leeft en heerscht met God den Vader, in de eenheid des heiligen Geestes, God in alle eenwen der eeuwen. Amen.
Heer! geef hun de eeuwige rust.
En het eeuwige licht verlicht hen.
v. Dat zij rusten in vrede.
R. Amen.
Deze verzen zegt men imyelijks achter de volgende Geleden.
GEBEDEN OP ALLERZIELENDAG. ^45 Foor eenen manspersoon.
Wij bidden U, Heer, ontsla de ziel van uwen dienaar N., opdat hij, de wereld atgestorven zijnde, voor U mag leven; en hetgeen hij door zwakheid desvleeschesinzijn leven U misdaan heelt, wil dat af-wasschen door de genade uwer allerbarmhartigste goedertieren-beid : door onzen Heer Jesns Christus, uwen Zoon, die met ü leeft en heerscht in eenheid des heiligen Geestes, Grod in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
Voor eene vrouwspersoon.
Wij bidden U, Heer, ontsla de ziel uwer dienares N., opdat zij de wereld afgestorven zijnde, voor ü mag leven ; en hetgeen zij door zwakheid des vleesches in haar leven U misdaan heeft, wil dat af-wasschen door de genade uwer al-
746 ÃEBEDEN
lerbarmhartigste goedertierenheid door onzen Heer J esus Ch ristus. Am,
Voor eenen bisschop.
6 God, die onder de apostolische priesters, uwen dienaar N. met de bisschoppelijke waardigheid hebt begaafd; wij bidden U, verleen hem ook in dehemelsche vreugd eeuwig huu gezelschap te genieten; door onzen Heer Jesus Christus. Amen.
Voor eenen priester,
O God, die onder de apostolische priesters, uwen dienaar N. met de priesterlijke waardigheid hebt begaafd : wij bidden U, verleen hem ook in de hemelsche vreugd eeuwig huu gezelschap te genieten; door onzen Heer, Jesus Christus. Amen.
Voor vader en moeder.
O God. die ons geboden hebt, dat wi j vader en moeder zouden eeren :
OP ALLERZIELENDAG. 747 wees de zielen van mijnen vader en mijne moeder genadig, en wil hunne verledene zonden vergeven, en maak dat ik hen in de vreugd der eeuwige klaarheid mag aanschouwen; door onzen Heer Jesus Christus. Amen.
Voor vader of moeder.
O God, die ons geboden hebt, dat wij vader en moeder zouden eeren: wees genadig de ziel van mij oen vader, (of moeder) en wil al zijne (of hare) verledene zonden vergeven, en maak dat ik hem (of haar) in de vreugd der eeuwige klaarheid mag aanschouwen: door onzen Heer Jesus Christus. Amen.
Op een Jaargetijde voor vele personen.
O God, Heer der vergiffenis ! geef de zielen van uwe dienaren en dienaressen, welker jaargetijden wij
748 BEMERKINGEN OP DE heden houden, de plaats der verkoeling, de zaligheid der rust, en de klaarheid des lichts; door onzen Heer Jesus Christus. Amen.
Op een jaargetijde voor eenen persoon,
O God, Heer der vergiffenis! geef de ziel van uweo dienaar tof dienares) wiens jaargetijde wij heden houden, de plaats der verkoeling, de zaligheid der rust, en de klaarheid des lichts: door onzeu Heer Jesus Christus. Amen.
KORTE BEMERKINGEN
OP m: VIER UITERSTEN.
Op den Dood.
't Is vastgesteld, gij zult eens sterven;
Maar hoe r of waar ? waarvan ? wanneer r Deez' kennis ruoct de mensch steeds derven ,
En is gekend slechts van den Heer.
ié
VIER UITERSTEN. 749 Ecce prope sunt dies mortis Imt.
Deut. c. 31, v. 14.
Zie, de dagen van uwen dood zijn nabij.
Op het Oordeel.
A.cii 1 hoe vreeselijk is het oordeel,
Voor een rnensch die kwalijk leett; Voor de goeden is 't een voordeel,
Want elk naar verdiensten heeft.
Gvncta qu(£ fuut adduce! Deus in judicium..... sive honvm, sive malum
HM sit. Eccles. c. 12, v, 14.
Alles wat er geschiedt, zoo het goed als het kwaad, zal God voor het oordeel brengen.
Op de Hel.
Ach, hoe zal de zondaar lijden,
Als hij brand in 't vuur der hel Want dat vuur zat nooit uitscheiden, Altijd branden even fel.
Vermis eorurti non morietur, et ignis eorum non extinguetur. Is. cap.
66, v. 24.
750 BEMERKINGEN OP DE
De knagende worm van hun geweten zal niet sterven, en hun vuur zal niet gebluscht worden.
Op den Hemel.
Acli! hoe troostvol is het strijden,
Als men op den hemel denkt,
Waar geen droefheid is noch lijden. En niets de eeuwige vreugde krenkt.
Mors ultra non erit, ncque luctus, neque clamor* net pre dolor erit ultra, qaia prima abierant. Ap. c. 21, v. 4.
Daar zal voortaan geen dood meer zijn, noch gejammer, nock geween, noch smart zal er meer zijn : want de dingen zijn voorbijgegaan.
Gebed
om vu/i God de genade te verzoeken, om uit de overdenking der uitersten geestelijk voordeel te trekken, en zijne goede voornemens ge-trouw te volbrengen.
VIET? UITERSTEN. 751 O genadige God, die door uwe oneindige goedheid en zorg voor onze zaligheid dagelijks velerhande middelen gebruikt, om ons gelegenheid te geven naar uwe heilige inspraken te luisteren, en ons tot het goede te bewegen: hierdoor ons van het vreeselijk ongeluk der eeuwige verdoemenis tebe-vrijden, en deelachtig temaken aan uwen eeuwigdurenden roem, om U aldaar in eeuwigheid te aanschouwen, te beminnen, te loven en te verheerlijken, en die gelukkige vreugde te genieten, welke alle geschapen verstand te boven gaat:ik moet het als een van de middelen aanzien, die uwe vaderlijke goedheid mij heeft bezorgd, wat ik hier aangaande de uitersten des menschen heb bemerkt, hetgeen verder in dit Gebedenboek tot mijne onderwijzing en opwekking tot het goedeisvoorgesteld;het is ook uwe
752 BEMERKING-EN OP DE goedheid en de kracht van uwe genade , die mij bewogen heeft goede voornemens te maken van krachtda â dig mijn leven te beteren. Maar, o goede God, mijne eigene krankheid en machteloosheid zal wederom alles verijdelen en vruchteloos maken, indien uwe genade mij niet versterkt. Wat zullen de beste en zaligste voornemens baten , als zij den eenen dag met vurigheid zijn gemaakt, en den volgenden dag, of ten minste kort daarna, met koelheid zijn vergeten? Ach! gelief mij daarvan te bewaren, o goedgunstige Vader! verlicht mijn verstand, opdat ik het goede vatte ; versterk mijn geheugen, opdat ik het nooit vergete; beweeg mijnen wil, opdat ik het getrouw en standvastig volge, en aldus aan al de genade beantwoorde, die uwe vaderlijke zorgvuldigheid mij gelieft te verleenen.
VIER UITERSTEN.
Op deze uwe hulp en genade steunende, zal ik trachten waarlijk en kloekmoedig mij te beteren , getrouw de gelegenheden van zonde te vermijden, mijne kwade driften te bedwingen en te wederstaan, mijne tong voorzichtig te bewaren, in eerbaarheid, in vrede en liefde met mijnen even-mensch te leven, en zoo in alles mij te gedragen, dat ik, dit leven eindigende, een genadig oordeel mag bekom en, van het allergrootste ongeluk der eeuwige verdoemenis mag bevrijd, en met uwe uitverkorenen aan uwe rechterhand gesteld , tot het genot der hemelsche eer mag geroepen worden.
Verlicht, o Heer, alle dwalenâ den, en breng hun tot het ware geloof, en alle zondaars tot bekeering: geef hun genadig vergiffenis, aan de rechtvaardigen volharding, aan alle geloovige en lijdende zielen
4S
if'
.i
754 DE VESPER-PSALMEN.
volle kwijtschelding en verlossing, opdat wij allen te zamen in eeuwigheid U mogen eeren, loven en verheerlijken. Door Christus, onzen Heer. Amen.
DE VESPERS
VOOR DE ZON- EN HEILIGDAGEN.
DE ZONDAGSCHE PSALMEN.
v. O God! kom mij te hulp. Heer! haast ü om mij te helpen. Eere zij den Vader, en den Zoon, en den heiligen Geest.
Gelijk het was in het begin, nu en altijd, en in de eeuwen der eeuwen. Amen. Alleluja.
Van Septuagesima tot Paschen.
Lof zij U,r Heer, Koning der eeuwige eere.
DE VESPER-PSALMEN. 755 Psalm 109.
David voorzegt, dat Christus zal verheven 'juorden dan de rechterhand des Vaders; dat zijn rijk en voorzegging zal beginnen in Sion , en dat hij zal zijn de eeuwige Friester hij den Vader, naar de wijze van Melchisedech.
Nota. De woorden die in deze Psalmen met Cursief letters zijn gedrukt, zijn er bijgevoegd tot opheldering.
De Heer, Fader, heeft gezegd tot mijnen Heer, Christus, zit aan mijne rechterzijde.
Tot dat ik uwe vijanden stelle tot een voetbank uwer voeten.
De Heer, God, zal den schepter uwer macht, o Christus, uit Sion doen komen: neem de heerschappij in het midden uwer vijanden.
L we heerschappij zal men kennen in den dag van uwe kracht; in den luister van uwe heiligen: ik Vader, heb U voor den dageraad uit mijnen schoot voortgebracht.
756 DE VESPER-PSALMEN.
God de Heer heeft het gezworen, en het zal hem niet berouwen : Gij, Christus, zijt de eeuwige Priester , naar de wijze van Melchisedech, De Heer, Christus is, o Vader, aan uwe rechterzijde: hij heeft de koningen verpletterd in den dag zijner gramschap.
Hij zal recht doen over de heidenen ; hij zal eene volle vernieling te weeg brengen; hij zal de hoofden van vele op aarde verpletteren.
Hij zal op den weg zijns levens uit de beek des lijdens drinken: daarom zal hij zijn hoofd verheffen.
Eere zij den Vader, enz.
Gelijk het was, enz.
Psalm 110.
David looft Gods wonderen, die hij heeft rje-daan , toen hij de Israëlieten heeft verlost uit Egypte, en hen gespijsd met wanna, en gebracht naar het land van belofte. Rij looft de heiligheid van zijne geboden.
DE VESPER-PSALMEN. 757
Heer ! ik zal U loven uit geheel mijn hart, in den raad en in de vergadering der rechtvaardigen.
Groot zijn de werken des Hee-ren : zij zijn volmaakt volgens zijnen wil en welbehagen.
Zijn werk is lof en heerlijkheid: zijne rechtvaardigheid zal blijven in de eeuwen der eeuwen.
De Heer, die genadig en barmhartig is, heeft de gedachtenis van zijne wonderen altijddurende gemaakt : hij heeft spijs gegeven aan die hom vreezen.
Hij zal zijn verbond altijd gedachtig zijn : hij zal de kracht zijner werken aan zijn volk verkondigen.
Opdat hij hun het erfdeel geve en het land der heidenen : de werken zijner handen zijn waarheid en gerechtigheid.
Al zijne geboden zijn getrouw: zij zijn bevestigd door alle eeuwen: zij
758 DE VESPER-PSALMEN.
zijn gemaakt in waarheid en oprechtheid.
Hij heeft aan zijn volk in Egypte de verlossing toegezonden ; hij heeft zijn verbond en belofte voor eeuwig vastgesteld.
Heilig en ontzaggelijk is zijü naam : de vreeze des Heeren is het beginsel der wijsheid.
Wel verstandig zijn zij, die zijne uitspraak volbrengen ; zijïi lof is in eeuwigheid.
Eere zij den Vader, enz.
Psalm 111.
Die naarstig tracht Gods gehodtu tc onder-houden, en de armen te helpen , die zat, gelukkig zijn in zijne nakomelingen en in zijne werken.
Zalig is de man die den Heer vreest, en gaarne tot hem bidt.
Zijn nazaat zal machtig zijn op de aarde : het geslacht der rechtvaardigen zal gezegend worden.
DE VESPER-PSALMEN. 759
Luister en rijkdom zal in zijn huis wezen ; zijne rechtvaardigheid zal duren in de eeuwen der eeuwen.
Aan de oprechten is in de duisternis het licht opgerezen ; de genadige, barmhartige en rechtvaardige Heer.
Blijmoedig is de mensch die medelijden heeft en gaarne leent: hij zal zijne woorden met een wijs oordeel besturen; hij zal in eeuwigheid niet ontrust worden.
Gerechtvaardige zal in eene eeuwige gedachtenis zijn : hij zal voor een kwaad gerucht niet vreezen.
Zijn hart is bereid om te hopen in den Heer, zijn hart is versterkt: hij zal niet ontrust worden, tot dat hij zijne vijanden versmaad en ten onder brengt.
Hij heeft zijn goed uitgestrooid en denarmen gegeven: zijne rechtvaar digheid zal eeuwig blijven : zijn
f
Ji
760 DE VESPER-PSALMEN.
ïioorn zal in roem verheven worden.
De zondaar zal het zien en kwaad worden : hij zal op zijne tanden knarsen en weenen; het verlangen der zondaren zal te niet gaan. Eere zij den Vader, enz.
Psalm 112.
David wekt on* op om God te loven, die de â¢lotitioedigen aanziet om hen ie verhef en , en om de onvruchtbaar en vrnchthaar te maken ook in deugden.
Looft gij, kinderen, den Heer : looft den naam des HeereD.
De naam desHeerenzij geprezen: yan nu af tot in eeuwigheid.
Van den opgang der zon tot karen ondergang, is de naam des Heeren lofwaardig.
De Heer is verheven boven alle volken : en zijne eer boven de hemelen.
Wie is er gelijk aan den Heer, die in de hoogte woont, en die noch-m hetgeen nederig is aanziet, in
DE VESPER-PSALMEN. 761 hemel en op de aarde V Die den behoeftige opheft vao de aarde : en den arme uit dec druk verheft?
Om hen te doen zitten met de vorsten : met de vorsten van zijn volk.
Bij doet de onvruchtbare wouw wonen in een groot huisgezin : en üaar eene blijde moeder wezen van Tele kinderen.
Eere zij den Vader, en den
, en den heiligen Geest. Gelijk het was in het begin, nu m altijd, en in de eeuwen deï eeuwen. Amen. Alleluja.
Psalm 113.
.David verhaalt de wonderen, die God deed., hen hij de Israëlieten uit Mgypte leidde Dat de roem aan God alleen toekomt. De ijdelheid der af (joden. Dat die op God i trtrouwen: niet zidten beschaamd worden.
Ais Israël uit Egypte trok : het
T62 D£ VESPER-PSALMEN.
huis van Jacob uit een vreemd volk Toen werd het joodsche volk Ood toegewijd : Israël werd zijne feeerschappij.
De zee heeft het gezien, en vluchtte weg : de Jordaan keerde terug.
De bergen sprongen op ais rammen, en de heuvelen als lammeren der schapen.
O zee, wat deed u wegvlieden ? o Jordaan, wat deed u terugkeeren ?
Gij, bergen, wat deed u opspringen als rammen? en Gij, heuvelen, als lammeren der schapen ?
De aarde beefde voor het aanschijn des Heeren : voor het aangezicht van den God van Jacob, Voor hem die de rots heeft veranderd in eenen watervloed , eü de steenrots in waterbronnen.
Niet aan ons, o Heer, niet aan ons : maar geef aan uwen laam den roem.
DE VESPER-PSALMEN. 768 Om uwe barmhartigheid en getrouwheid behoud om : opdat de heidenen niet zeggen : waar is nu hun God V
Onze God is in den hemel : hij heeft alles gedaan wat hem beliefde.
De afgoden der heidenen zijn maar zilver en goud : maaksels van smenschen handen.
Zij hebben eenen mond, maar spreken niet : zij hebben oogen, en zien niet.
Zij hebben ooren, maar hooren niet: zij hebben eenen neus, maar ruiken niet.
Zij hebben handen, maar voelen niet; zij hebben voeten, maar wandelen niet; zij zullen geen geluid geven met hunne keelen.
Dat zij, die ze maken, hun gelijk worden : en allen die er op vertrouwen.
Maar het geslacht van Israël heeft vertrouwd op den Heer :
764 DE VESPER-PSALMEN.
daarom is hij hun helper en beschermer.
Het geslacht van Aaron heeft vertrouwd op den Heer : daarom is hij hun helper en beschermer.
Die den Heer vreezen, hebben op hem vertrouwd : daarom is hun helper en beschermer.
De Heer is ons indachtig geweest : en hij heeft ons gezegend.
Hij heeft het huis van Israël gezegend : hij heeft het huis van Aaron gezegend.
Hij heeft ze allen gezegend, die den Heer vreezen : de kleinen en de grooten.
De Heer vermeerdere zijnen zegen over u en over uwe kinderen.
V erheerlijkt moet Gij wezen, o Heer, die hemel en aarde gemaakt hebt.
De hemel der hemelen is voor den Heer : maar de aarde heeft
DE VESPER-PSALMEN. 765 hij aan de kinderen der menschen gegeven.
De dooden, o Heer, zullen U niet loven : noch allen die onder de aarde nederdalen.
Maar wij, die in het leven zijn. loven den Heer : van nu af tot in eeuwigheid.
Eere zij den Vader, enz,
KORTE LES.
Van Zondags na Pinkderen tot Septuagesima'
Verheerlijkt zij God, de Vader van onzen Heer Jesus Christus, de Vader der barmhartigheid, en de God van allen troost, die ons vertroost in al onze kwellingen.
11. Gor. 1.
God zij gedankt.
706 DE VESPER-PSALMEN.
Lofzang.
O groote Schepper van het licht, Die, door uw goddelijk gezicht.
Gaf, dat men 't eerste licht aanzag, 't Beginsel van des werelds dag : Gij spraakt, en niet één wenk terstond Schiept Gij den dag en de avondstond. Aanhoor de menschen hier beneên,
Hoor onze beden en geween ;
Opdat het gemoed, door schuld gedrukt, Uit 't leven niet wordt weggerukt.
Als het niets eeuwigs nog verzint,
En zich aan zonden vaster bindt.
Dat het voor 's hemels poorte stijg, Des levens loon aldaar verkrijg,
Dat wij het kwade mogen vliên.
En eens des hemels vreugde zien :
Dit bid ik, beste Vader, geef,
En Gij, die eeuwig met Hem leeft, Ook Gij, Vertrooster, heilige Geest, Die altijd heerschend zijt geweest. Amen.
De Lofzang van Maria.
Mijne ziel verbelt grootelijks den Heer.
En mijn geest verheugd zich in God, mijnen Zaligmaker.
DE VESPER-PSALMEN. 767
Omdat hij de nederigheid van zijne dienstmaagd heeft aangezien: want zie, van nu af zullen alle geslachten mij gelukkig noemen.
Want hij heeft mij groote dingen gedaan, die machtig is : en heilig is zijn naam.
En zijne barmhartigheid gaat Tan geslacht tot geslacht : over degenen die hem vreezen.
Hij heeft de kracht van zijnen arm uitgewerkt: hij heeft dehoog-moedigen in de gedachten hunner harten verstrooid.
Hij heeft de machtigen van den troon afgezet, en de nederiger heeft hij verheven.
Hij heeft de hongerigen met goederen vervuld, en de rijken ledig weggezonden.
Hij heeft Israël, zijnen dienaar, opgenomen : indachtig zijnde zij aer barmhartigheid.
Volgens hetgeen hij aan onze
168 DE VESPER-PSALMEN.
voorvaders had gezegd : aan Abraham en zijne nakomelingen, ia alle eeuwen.
Eere zij den Vader, enz.
Hier volqt het gebed van den Zondag
In de eerste Vesper en van de heilige Apostelen, ook van eenen martelaar, of eev.e martelares, van belijders en bisschoppen, worden deze zondagschs Psalmen gelezen ; maar in plaats van den laats ten (In exitu) wordt gezegd : Laudate Dominum om-nes gentes, gelijk hier volgt.
David noodigt alle Heidenen, om God over de roeping tot het geloof te loven.
Alle heidenen looft den Heer ; looft hem alle volken.
Want zijne barmhartigheid is be vestigd over ons : en de waarheid des Heeren blijft in eeuwigheid-
DE VESPER-PSALMEN. 769 Eere zij den Vader, enz.
Op dm feestdag of'in de tweede vespers van een of'meer martelaren, wordt in plaats van de vijfde psalm de volgende gelezen.
Psalm 115.
Is ecne dankzegging over d.c verlossing en dc n-eldaden van God vergund, en dient voor eene ziel die God hedonli, dat hij haar uit den staat des dood* heeft getrokken.
Jk beb God gelooid, daarom heb ik onbevreesd gesproken : nochtans was ik bedrukt boven mate.
Ik heb gezegd in mijne haast : alle mensch is leugenachtig.
Maar wat zal ik den Heer wedergeven, voor al hetgeen hij mij heeft bewezen en mij verlost heeft.
Ik zal den kelk van geduld en zaligheid aannemen, en den naam des Heeren aanroepen.
Ik zal mijne beloften aan den Heer
49
770 DE VESPER-PSALMEN, kwijten, in de tegenwoordigheid van al zijn volk: de dood der heiligen is dierbaar in des Heeren oogen.
O Heer ! ik ben uw dienaar : uw dienaar ben ik, en de zoon van uwe dienstmaagd.
Gij hebt mijne banden gebroken: ik zal U olïeranden opdragen, en den naam des Heeren aanroepen.
Ik zal mijne beloften aan den Heer betalen, in de tegenwoordigheid van zijn volk : in de voorzaal van het huis des Heeren, in het midden van u, Jeruzalem.
Eere zij den Vader, enz.
la de ticeede cespers van eenen bisschop, geen martelaar, word,f in plaats van de vijfde psalm, de navolgende gelezen.
DE VESPER-PSALMEN. 771 Psalm 131.
Deze psalm , door Salomon gemaakt, beschrijft den y'oer die David had, om eenen tem/pel voor God ie houwen; nis ook de goede cemchen van Salomo//.
Heer ! wees David gedachtig, m al zijne zachtmoedigheid.
Hoe hij aan den Heer heeft gezworen , en beloften gedaan aan den God van Jacob.
Te weten, is het dat ik mijne woning in mijn huis ga nemen : is het dat iik trede op mijn gespreid bed.
is het dat ik aan mijne oogen den slaap geve, of sluimering aan mijne oogleden.
Of mijn hoofd tot rust begeve : ïot dat ik voor den Heer eene plaats vinde, en eene woning voor den God van Jacob.
Ziet, wij hebben gehoord dat die ]dcMts was in Ephrata; wij hebben diegevonden in de veldendes wonds.
772 DE VESPER-PSALMEN.
Dan zullen wij intreden in zijne woningen : wij zullen hem aanbidden in de plaats, waar zijne voeten hebben gestaan.
O Heer! sta op, opdat Gij gaat in uwe rustplaats en de ark uwer heiligmaking.
Dat uwe priesters bekleed worden met gerechtigheid, en uwe heiligen in vreugde zijn.
Om uwen dienaar David, keer toch uw aauschijn niet al'vaii mij. uwen gezalfde.
De Heer heeft David deze waarheid gez woren, en hij zal hem nietontbre-keü; want de vrucht uws lichaams zal ik steil en op uwen troon.
Is het dat uwe zonen mijn verbond onderhouden, en mijne wetten, die ik hun zal leeren.
Dan zullen zij met hunne nakomelingen op uwen troon eeuwig blijven zitten.
Want de Heer heeft Sion verko-
DE VESPER-PSALMEN. 778 ren : hij heeft haar tot zijne woning verkoren.
Die zal zijne rustplaats wezen in alle eeuwen : hier zal ik wonen, want ik heb ze verkoren.
Ik zal hare weduwen rijkelijk zegenen ; ik zal hare armen met brood verzadigen.
Ik zal hare priesters met zaligheid bekleeden : en hare heiligen zullen met vreugde opspringen.
Daar zal ik den hoorn van David doen voortkomen : ik heb voor David, mijnen gezalfde, eene lamp bereid.
Zijne vijanden zal ik met schaamte bedekken : maar over hem zal mijne heiligheid uitschijnen.
Eere zij den Vader, enz.
Psalmen van de tweede Vespers van de heilige Apostelen.
Psalm 109. De Heer heeft, enz.
Bladz. 755.
774 DE VESPER-PSALMEN.
Psalm 112. Kinderen, looft dea Fleer, enz. bladz. 760.
Psalra 115. Ik heb geloofd, enz, bladz. 769.
Psalm 125.
Is eene dankzegging van de Inden, die wedergekeerd waren uit de gevangenissen van Babylonie ; m ook van eene bekeerde zie!', biddende voor de bekeering vo.n onderen.
Als de Heer de gevangenen vae Sion deed wederkeeren, waren wij als verkwikte menschen.
Toen werd onzen mond met blijdschap vervuld, en onze tong met blijde gezangen.
Toen zeiden zij onder de heidenen : de Heer heeft met dit volk groote dingen gedaan.
WpI heeft de Heer groote dingen met ons gedaan : en wij zijDi verblijd geworden.
DE VESPER-PSALMEN. i I O
Heer! keer onze gevangenis gelijk eene waterbeek in het zuiden.
Die met tranen zaaien, zullen met blijdschap maaien.
Zij gingen al weenende heen, wanneer zij hun zaad zaaiden.
Maar zij zullen met vreugde wederkomen, als zij hunne schoven inbrengen.
Eere zij den Vader, enz.
Psalm 138.
David haachnjff Gods voorzienigheid, hoe wonderlijk zij ons van jongs af bestuurt, alles loeiende, en overal tegenwoordig zijnde: dat Gods vrienden hij hem aandachtig zijn; de zondaars haat en smart verdienen.
Heer! Gij hebt mij doorgrond en gekend : Gij kent mijn zitten en mijn opstaan.
Gij hebt mijne gedachten verstaan van verre : mijne paden en mijnen handel speurt Gij na.
776 DE VESPER-PSALMEN.
Gij hebt al mijne wegen en voornemen te voren gezien, al is het dat ik ze niet sprak.
O Heer ! Gij weet alle verledene en toekomende dingen. Gij hebt mij gemaakt, en uwe hand op mij gelegd om mij te scheppen en te bewaren.
Uwe kennis is mij wonderlijk geworden en gaat mijn verstand te boven; zij is verheven, en ik kan ze niet achterlaten.
Waar zal ik gaan voor uwen geest ? waar zal ik uw vertoornd aangezicht kunnen ontvluchten?
Is het dat ik in den hemel klim-me. Gij zijt daar: is het dat ik ter hel dale, Gij zijt daar tegenwoordig.
Al nam ik vleugelen aan met den dageraad, en ging wonen op het uiterste der zee.
Zoo zoude uwe hand mij daar ook henen leiden : en uwe rechter-
DE VESPER-PSALMEN. 777 hand zoude mij vast houden als
een gevangene.
En ik heb gezegd : de duisternis zal misschien mij dekken voor uwe oogen \ maar de nacht zelf zal mij een licht zijn in mijne genoegens.
Want de duisternis zal voor U niet duister zijn; de nacht wordt verlicht en is helder voor ü de duisternis van den nacht en het Jicht van den dag zijn één bij U.
Gij beziet het binnenste van mijne nieren : Gij hebt mij opgenomen van uit mijns moeders lichaam.
Ik zal U loven , omdat Gij op eene wonderbare wij ze zij t verheerlijkt: uwe werken zijn wonderbaar, en mijne ziel bekent die zeer wel.
Mijn gebeente was voor U niet verborgen, hetwelk Gij in het geheim hebt gemaakt: te zameu met mijn wezen, in de onderste deelen der aarde.
Uwe oogen zagen mij, als ik nog
778 DE VESPER-PSALMEN, een onvolmaakt wezen was : alle menschen staan in uw boek geschreven : eiken dag zullen zij hunne gedaante bekomen, niemand uitgenomen.
O God ! hoezeer zijn uwe vrienden bij mij in waarde: hunne heerlijkheid is bovenmate verheven.
Wil ik ze tellen, zij zullen het zand in getal te boven gaan : word ik wakker, zoo ben ik nog bij U.
O God! Gij zult de zondaars niet dooden : wijkt al' van mij, gij bloedgierige menschen.
Want Gij zijt binnen u zei vee : te vergeefs zullen zij uwe steden innemen.
O Heer! en haat ik niet degenen die U haten : en was ik niet gebelgd op uwe vijanden?
Ik haat ze met eene volkomene haat; en zij zijn mijne vijanden geworden.
Doorgrond mij, o God, en door-
de vesper-psalmen. 779 zie mijn hart: beproef mij, en iet op mijne wegen.
En zie of er een weg van boosheid in mij is : en geleid mij op den weg der zaligheid.
Eere zij den Vader, enz.
korte LES.
Broeders! gij zijt nu geene gasten en vreemdelingen, maar gij zijt burgers der heiligen en huisgenooten van God, gebouwd op der Apostelen en Profeten grondslag, waarvan Jesus Christus de opperste hoeksteen is. Eph. cap. 2.
r. God zij gedankt.
lofzang.
Gansch de wereld zij in vreugde, Gansch de hemel zingt dc deugden, De aarde, sterren, 't hemelsch hof. Melden der Apostelen lof.
Gij zijt rechters, 's werelds lichten, Die kwaamt Christus' Kerke stichten. Wij bidden dan eerbiediglijk,
Trekt ons uit der zonden slijk.
780 DE VESPEE-PSALMEN.
Gij die 's hemels poort en streken.
Sluit en opent door uw spreken;
Maakt ons arme zondaars vrij,
Plaatst ons in der eng'len rij.
Lijden, ziekte, kwaal en pijnen.
Kunt gij spoedig doen verdwijnen ,
Heelt ons zwak en ziek gemoed , En onze deugden groeien doet.
Maakt dat, als Christus, de Heere, Tot het oordeel weêr zal keeren.
Hij ons roepe te gelijk.
Tot zijn hemelsch koninkrijk.
Lol' en eer aan God den Vader,
Ook aan God den Zoon te gader. Ook aan U, God heilige Geest,
Zij de eer in 's hemels feest.
y. Tot alle aarde is hun klank uitgegaan. r. En hunne woorden tot het einde dei aarde.
Hierna volgt de Antipkone en Magnificat, (zie bladz,. 766.) en het gebed, van de heilige Kerk,
DE VESPERS
OP DK
FEESTDKiES ÃM DE H. «HAdll tllKli
Nota. Deze psalmen worden ook in de eerste en tweede vespers van eene maagd en eene weduwe gelezen.
Psalm 109.
De Heer, Vader, heeft gezegd tot mijnen Heer, Christus: zit aan mijne rechterzijde.
Tot dat ik uwe vijanden stelle tot een voetbank uwer voeten.
De Heer, God, zal den scbepter uwer macht, o Christus, uit Sion doen komen: neem de heerschappij in het midden uwer vijanden.
Uwe heerschappij zal men kennen in den dag van uwe kracht; in den luister van uwe heiligen: ik. Vader, heb U voor den dageraad uit mijnen schoot voortgebracht.
782 DE VESPER-PSALMEN.
God de Heer heeft het gezworen, en het zal hem niet berouwen : Gij, Christus, zijt de eeuwige Priester, naar de wijze van Melchisedech.
De Heer, Christus, is o Vader, aan uwe rechterzijde : hij heeft de koningen verpletterd in den dag zijner gramschap.
Hij zal recht doen over de heidenen ; hij zal eene volle vernieling te weeg brengen : hij zal de hoofden van vele op de aarde verpletteren.
Hij zal op den weg zijns levens uit de beek des lijdens drinken: daarom zal hij zijn hoofd verheffen.
Eere zij den Vader, enz.
Psalm 112.
Looft gij, kinderen, den Heer : looft den naam des Heeren.
Denaam des Heeren zij geprezen; van nu af tot in eeuwigheid.
Van den opgang der zon tot
DE VESPER-PSALMEN. 783
den ondergang, is de naam des Heeren lofwaardig.
De Heer is verheven boven alle volken : en zijne eer boven de iiemelen.
Wie is er gelijk aan den Heer, die in de hoogte woont, en die nochtans hetgeen nederig is aanziet, in den hemel en op de aarde?
Die deu behoeftige opheft van de aarde : en den arme uit den 'druk verheit V
Om hem te doen zitten met de vorsten : met de vorsten van zijn volk.
Hij doet de onvruchtbare vrouw wonen in een groot huisgezin: en liaar eene blijde moeder wezen van vete kinderen.
Eere zij den Vader, enz.
784 DE VESPER-PSALMENquot;,
Psalm 121.
De (ilt;ivan(jene Jaden in liuhj/lonic verheugen zich over de goede tijdingen van hunne verlossing. Zij wenschen de welstand van Jeruzalem te zien. Hetzelfde wenschen alle goede zielen aan de heilige Kerk.
Ik ben verblijd over hetgeen mij gezegd is : wij zullen gaan in het huis des Heeren.
Onze voeten waren staande in uwe voorzalen, o Jeruzalem.
Jeruzalem, die gebouwd is als eene stad. wier deelen wel te za-men gevoegd zijn.
Want derwaarts trekken de stam men op, de stammen des Heeren : volgens het bevel aan I sraö!
om den naam des Heereti te loven.
Want daar is het dat de rechterstoelen gesteld zijn : de rechterstoelen over het huis van David.
Bid om den vrede van Jeruzalem: overvloedigheid zij over degenen die u beminnen.
DE VESPER-PSALMEN. 785
De vrede zij in uwe vestingen, en overvloed in uwe torens en
hooqe gebouwen.
Om den wil van mijne broeders en mijne vrienden, wensch ik aan u den vrede.
Om den wil van het huis des Heeren, onzen God, heb ik uw welvaren betracht.
Eere zij den Vader, enz.
Psalm 126.
Dat alle pogingen des menschen ij del zijn. als God dezelve niet zegent.
Tenzij de Heer het huis op-bouwe : te vergeefs arbeiden zij, die er aan bouwen.
Tenzij de Heer de stad beware : te vergeefs waakt hij die ze bewaart.
Het is te vergeefs dat gij voor het licht opstaat: sta op, nadat gij ge-
50
786 DE VESPER-PSALMEN.
zeten zijt, die daar eet het brood der droefheid.
Als hij aan zijne beminden de rust zal gegeven hebben, zullen zij tot erfenis en loon van den Heer kinderen bekomen, die de vruchten des lichaams zijn.
De kinderen der verdrukten, zijn als de pijlen in de hand van eenen sterken held.
Zalig is de man, die zijnen wensch van zulke kinderen vol heeft : hij zal niet beschaamd staan, als hij met zijne vijanden zal spreken in de poort van de stad.
Eere zij den Vader, enz.
Psalm 147.
Dit is de Lofzang, als Jeruzalem, en deszelfs (/instreken in vrede waren; welke stad de afbeelding is van de heilige Kerk, opgebouwd door de verkondiging der Apostelen, Het is eene volmaakte liefde, die op de aarde den hemel bemint.
DE VESPER-PSALMEN. 787
Jeruzalem, loof den Heer : loof Sion uwen God.
Want hij heeft de sloten van uwe poorten vast gemaakt : hij heeft uwe kinderen binnen u gezegend.
Hij heelt uwe landpalen in vrede gesteld : en hij verzadigd u met 3e bloem der tarwe.
Hij zend zijn bevel over de aarde: zijn woord loopt met alle snelheid..
Hij doet de sneeuw als vlokken vallen : hij strooit den nevel als
Hij zendt zijnen hagel af als kleine brijzelingen : wie zou voor het aangezicht van zijne koude kunnen bestaan V
Hij zendt zijn woord af, en doet dat smelten : hij doet zijnen wind waaien, en de wateren vloeien.
Hij heeft zijn woord aan Jacob en zijne nakomelingen bekend gemaakt : zijne gerechtigheden en oordeelen aan Israël.
788 de vesper-psalmen.
Zoo heeft hij niet met alle volkeren gedaan, en zijne bevelen aan hen niet bekend gemaakt.
Eere zij den Vader, enz.
korte les.
Vóór het begin en vóór alle eeuwen ben ik geschapen; en ik zal tot de toekomende eeuwen niet bezwijken ; in de heilige woning heb ik voor hem gediend.
r. God zij gedankt.
Ave Maris Stella.
O zeester, wees gegroet,
Gods Moeder , maagd gebleven !
O deur van het eeuwig leven, Wij vallen u te voet.
Geef ons den vreê te zaam', Ontvangend 's engels groeten:
Wil onzen druk verzoeten.
Veranderen Eva's naam.
Ontbind der zonden band ,
En geef het licht den hlinden,
Doe ons het goede vinden ,
Weer 't kwaad van alle kant.
DE VESPER-PSALMEN. 789 Toon dat gij onze moeder zijt; Doe Hem ons bidden hooren,
Die, om ons, in u geboren,
Uw Kind -werd in den tijd.
Maak ons bevrijd van schuld;
Zend ons, o maagden-wonder, Zachtmoedig in 't bijzonder, De kuischheid en 't geduld.
Leer ons het pad der deugd ,
Opdat, naar ons betrouwen.
Wij Jesus eens aanschouwen.
Met u, in de eeuwige vreugd.
Lof zij den Vader, Zoon,
En heilige Geest; 't drieëenig Wezen Zij steeds geëerd, geprezen ,
Geloofd op 's hemels troon.
IVaa/'/ta volgt de Antiphoon, de Magnificat, hl,adz. 766, en het Gebed, hetgeen niet altijd hetzelfde is, op de Feestdagen van de heilige Maagd. Doch het gebruikelijke gebed, hetgeen die Kerk leest door geheel het jaar, is het volgende
Gebed van de heilige Kerk.
Verleen ons, Heer, bidden wij U, dat wij, üwe dienaren, eene
790 de vesper-psalmen, altijddurende welvaart naar ziel en lichaam genieten, en door de roemwaardige voorspraak der zalige Maria, altijd maagd, van de tegenwoordige droefheid verlost mogen worden, en de eeuwige vreugde verwerven. Door Jesus Christus, onzen Heer, die met U en den heiligen Geest leeft era heerscht, in alle eeuwen der eeuwen. r. Amen.
ZEVEN OEFENINGEN
om den tijd wel te besteden tot nnt onzer ziel.
I. Zoon, zegt de heilige Geest, bewaar den tijd. Ãccl. 4. Daarom tracht nooit ledig te zijn; doe altijd iets, zegt de heilige Hieronimus, opdat de duivel u nooit ledig vinde. Als gij den dag nuttig zult hebben doorgebracht,
zegt de godvruchtige Thomas a Kempis, zult gij des avonds altijd, blijde zijn.
II. Doe uwe werken met eene goede meening, offer dezelve aan God op, en smeek hem er eenen goeden uitslag aan te verleenen, tot zijne eer en glorie.
III. Offer dikwijls uwe gedachten, woorden en werken aan den hemelschen Vader op, in ver-eeniging met de verdiensten, het lijden en den dood van zijnen Zoon, onzen Heer Jesus Chris-
792 ZEVEN OEFENINGEN tus : voor u zelven voor de zondaren, en voor de zielen in het vagevuur.
IV. Voed uwe ziel met goede gedachten; verhef uw hart gedurig tot God door korte schietgebeden ; houd u altijd in zijne tegenwoordigheid. Dit was de heilige oefening van den koninklijken profeet: ik zag, zegt hij, den Heer altijd voor mijne ooqen. Psalm 15.
V. Vlucht, zooveel u mogelijk is, alle ij dele en onnoodige bezoeken en redevoeringen. Wees altijd bezorgd uwe redevoeringen te versieren met iets dat ten goede strekke voor uwe ziel, of tot stichting van uwe naasten.
VL Denk dikwijls op de eeuwigheid , hoe de Heiligen zich verheugen over het goede gebruik van hunnen tijd ; hoe de zielen in het vagevuur en de verdoemden in de hel het verlies en mis-
TOT NUT ONZER ZIEL. 793 bruik van hunnen tijd beweenen.
Vil. Regel des morgens alle bezigheden van den dag; onderzoek des avonds hoe gij den dag hebt doorgebracht; vraag aan God vergiffenis over den tijd, welken gij verkwist hebt, en genade om denzelven voortaan beter te gebruiken; hiertoe kan dienen het volgende
E B E D.
O God! doe ons zien hoe kostelijk de tijd is; doe ons denzelven zoo hoog achten, dat wij tem nooit nutteloos verkwisten. Doe ons het verlies van den tijd meer beklagen, dan eenig ander tijdelijk verlies. Ik beken dat Gij mij den tijd genadig verleent, om mijne zaligheid te bewerken, en iik vraag vergiffenis van al den tijd, welken ik nutteloos verkwist heb; geef mij door uwe genade
794 ZEVEN OEFENINGEN, ENZ. dat ik denzelven voortaan beter gebruike, dat ik veel aan U den -ke, gaarne van U spreke, en zoo leve in den tijd, dat ik in en door U moge leven in eeuwigheid. Amen.
BLADWIJZER
van hetgeen in dit Gebedenboek begrepen is
iâ'
Voornaamste punten des geioofs.....5
Gebeden des morgens........i')
Gebeden des avonds.........IS
28 63 80 9S
Gebeden onder de heilige Mis . De zeven Boet-psalmen .... Litanie van alle Heiligen .
Korte voorbereidiriir tot de Biecht
Opwekking tot eea oprecht berouw. . . . 105 Oefening van de drie goddelijke deugden. . 108 Het zekerste middel tegen de zonden bestaat
in de oefening der vier uitersten. . . . 112 Voorbereiding en gebeden voor cie heilige
Communie...........11'i
Oefening en gebeden na de heilige Communie. 143 Litanie van de allerheiligste Drievuldigheid . 168 De Lofzang : Te Deum Laudamus . . . 174
Litanie van den heiligen Geest.....177
Lofzang tot den heiligen Geest: Veni Creator Spiritus..........184
Litanie van den zoeten Naam Jesus . , . 185 Lofzang op den zoeten Naam Jesus . . ,189
Litanie van de heilige Engelen.....192
Litanie van den heiligen Engel-bewaarder. . 197 Kijmgebed tot den heiligen Engelbewaarder . 204 Belijdenis van den heiligen Carolus Bt.rromeus 310
BLADWIJZER.
Litanie vau het allerheiligste Sacrament . 214 Groetenis tot het allerheiligste Sacrament . .219 Gebed tot het allerheiligste Sacrament, van
den heiligen Thomas van Aquinen . . . 2:ii Aandachtig gebed tot het heilig Hart van Jesus. 224 Litanie van het lijden van Christus. . . . 226 Lofzang ter eere en tot gedachtenis van het
bitter lijden onzes Heeren Jesus Christus . 234 Litanie tot de heilige Maagd Maria. . . . 236 Gebed tot de heilige Maagd Maria .... 240 Gebed van den heiligen Chrvsostomus, tot de
heilige Maagd Maria........242
Gebed van den heiligen Bernardus, tot de
heilige Maagd Maria........244
Gebed in den nood, tot de iieilige Maagd Maria. 246 Gebed tot de heilige Maagd Maria, koningin
van hemel en aarde........257
Korte getijden van de zeven Weeën : Stab at
Mater Dolorosa........261
Onderrichting omtrent den Rozenkrans, manier
om denzelven te bidden.......283
Manier om godvruchtig den .Rozenkrans van den allerh. Naam Jesus te bidden . . . 289
Yan den heiligen Kruisweg......313
De veertien Statiën.........316
Gebeden op het lijden en sterven van onzen
Heer Jesus Christus........339
Manier om den ganschen dag al zijne werken met het lijden onzes Heeren Jesus Christus
te vereenigen..........344
Vijftien gebeden van de heilige Brigitta . . 353 Uur van zaligheid en barmhartigheid . . .371 Onze Vader, ter eere van het heilige Hart van onzen Heer Jesus Christus .... 3S7
BLADWUZBR.
Litanie van den H. Joset'.......390
Litanie van den H. Stephanus.....398
Litanie van den H. Willebrordus .... 406
Litanie van den H. Dominicus.....411
Litanie van den H. Fransiscus van Assisië . 420
Litanie van den H. Ignatius......425
Litanie van de H. Barbara......432
Kleine getijden van den H. Antonius van
Padua............437
Litanie van den H. Antonius van Padua. . 449
IVegen vrome getijden tot den TT. Antonius
van Padua...........456
Dinsdags Lof van den H. Antonius van Padua 461
Litanie van de H. TTieresia......467
Bemerkingen op ie zeven woorden van den
Heer Jesus Christus aan het kruis . . .477 Litanie van den H. Joannes Nepomucenus . 486 Gebeden tot den H. Joannes Nepomucenus . 493 Gebeden tot verscheidene Heiligen . . . .497 Litanie van de goddelijke Voorzienigheid . . 500 Godvruchtig gebed van prins Eugenius . . 503
Dagelijks gebed tot God........509
Litanie tot de heilige Drie-koningen . . . 519 Vernieuwing van de heiligmaking des doopsels. 524
De godzalige huiszegen........531
Gebeden om eenen zaligen dood te verwerven. 539
Uiterste wil van eenen Christen.....548
Smeekgebed tot den heiligen Koohus . . . 559 Gebed en litanie om eenen zaligen dood te
verwerven...........565
Aanspraak van Christus...... .577
Testament van eenen Christen.....580
Verzoek om de zeven gaven des H. Geestes, met eenige krachtige gebeden.....583
BLADWIJZER.
Vtr/.otik om genade, van een zalig beroep te
verkiezen, tot God den heiligen Geest. . 594 Gebed voor alle jongelingen en jonge dochters
om eene zalige verkiezing......598
Gebed tot de allerheiligste Drievuldigheid . en eene Novene om negen dagen te lezen , tot het verkiezen vaneen beroep. . . .599 Gebed om de goddelijke liefde te verkrijgen . 601 Gebed tot de allerheiligste maagd Maria, om
eenen zaligen staat te verkiezen .... 603 Gebeden opzichtens het heilig Sacrament des
huwelijks...........604
Gebed van den bruidegom, zoo voor zich
zeiven als voor zijne bruid......610
Gebed van de bruid, zoo voor zich zelve als
voor haren bruidegom.......612
Gebed voor eene bevruchte vrouw . . . .614 Gebed, hetwelk de ouders zullen lezen, wanneer hun kind gedoopt is......616
Gebed van eene moeder, die haren kerkgang
doet.............63 7
Gebed voor ouders, orn hunne kinderen in een christelijk leven op te brengen . . . CilH
Gebed voor eene weduwe.......620
Gebed voor maagden om genade in hunnen
staat te verkrijgen........622
Gebeden voor zieken........625
Korte verheffing des gemoeds, tot troost der
zieken............628
Gebeden die men voor de zieken zal lezen . 631
Litanie voor de stervenden......63G
Bij het sterven der zieken.......639
Gebeden onder de heilige Mis, voor de zielen der geloovige overledenen......040
BLADWIJZER.
Litanie voor de geloovige zielen in het vage-
vaur......â¢......666
Gebed voor onze afgestorvene vrienden en
weidoeners....... . . . .671
Vigiliën of getijden voor overledenen . . .673 'Bijzondere gebeden op Allerzielendag . . . 744-Korte bemerkingen op de vier uitersten . . 74gt;8
Op den dood...........748
Op het oordeel..........749
Op de hel............749
Op den hemel...........750
Gebed om van God de genade te verzoeken, om uit de overdenking der uitersten geestelijk voordeel te trekken, en zijne goede voornemens getrouw te volbrengen . .De Vesper-psalmen van de zon- en heiligdagen ............
Be Vesper-psalmen op de feestdagen van de
781
788
789
heilige Maagd Maria.
Lofzang: Ave Maris Stella.....
Gebed van de heilige Kerk......
Zeven oefeningen om den tijd wèl te besteden, tot nut onzer ziel.........
750 754
79).
i, ^ /â
li
f