-
â v ,â¢*
.
Mü
x
---
i- / . â ' ^
v
-t/,%
ft*
NOVEENBOEKJE.
ii==~ZI=I=I=ZZ==:
* -s-^ ^ -JR3- ^ ''Vri-ï ïr ,-, â (â
i i i iFTI iT%i nJI i i
/y ^/Sj
NOVEEN
28 JMegendaagsche Pefeningen voor
DE FEESTEN pNZES j^EEREN , VAN P. L. yROUW , ^INT jIoSEPH EN VERSCHEIDENE ANDERE j^EILIGEN ,
DOOE
J. M. YïECEET,
TILBURG,
Stoomdrukkerij vao het R. K. Jongensweeshuis.
â¢................................
yrTVVi-VT-VT-v.-VT-v.vr.vvvyfVfv^rTyvvT-VTVfVr'TVVfT-Tyr.vyTVrVVvv-TvyT-TfyT
IMPRIMATUR.
Tilburgi, 14 Octobris 1898.
M. F. DE BEER, Sup.-Gen. ad hoc delegatus.
1
BRMJOTHEEK OCR RUKBUNIVERSlTHfT
UTRECHT
COLL TMOMAAMt
L
YOOERKDS.
Het gebed is het groote hnlpmiddel voor al onze kwalen. Een herhaald smeek en om zaken, die ons dienstig of noodig zijn, vindt vroeg of laat zelfs bij de menschen verhooring. Hoeveel minder zal God dan zulk eene bede afwijzen. Wij mogen Hem zoowel om tijdelijke als om geestelijke goederen bidden, en onze Goddelijke Zaligmaker leerde: â Bidt zonder ophouden; klopt aan en u zal worden opengedaan.quot; Bekomt gij door eene enkele bede het gevraagde niet, blijft den Hemel een heilig geweld aandoen en houdt niet op. uwe belangen voor Gods troon te bepleiten. Een gemakkelijk middel hiertoe verschaffen ons de negendaagsohe oefeningen of Novenen , waarbij wij ter verkrijging van de een of andere gunst gedurende negen achtereenvolgende dagen onze behoeften bekend maken. De ondervinding heeft geleerd , dat het houden van Novenen dikwerf met }\ den zegenrijkaten uitslag is bekroond en in godsdienstige tijdschriften kan men nog voortdurend lezen; âNa Ivat verrichten eener Noveen ter eere van het Allerheiligste Hart vanJesua, van den H. Geeqt, van de Onbevlekte Ontvangenis, van den H. Joseph, van den H. Antonius , enz. ben ik op wonderbare wijze geholpen.quot;
De eerste negendaagsche oefening werd gehouden op bevel van den Goddelijken Zaligmaker zalf door de Apostelen en Leerlingen onder de bescherming der Allerheiligste Maagd in eene zaal te Jerusalem. Zij had ten doel de komst af te smeeken
Tan den beloofden Trooster, den H. Geest, en werd op den tienden dag, het eerste Pinksterfeest der Katholieke Kerk, met het heerlijkste gevolg bekroond. In den loop der tijden hebben de geloovigen deze wijze van bidden zeer lief gekregen, en de Kerk heeft ze niet slechts goedgekeurd , maar zelfs aanbevolen en met aflaten verrijkt.
Zoo dan , wanneer iemand in geestelijke of tijdelijke aangelegenheden hulp behoeft, smeeke hij deze af door eene Noveen. Men kan in de kerk, of voor een huisaltaar, of voor het beeld van den Heilige, dien men zioh tot voorspreker heeft gekozen , negen dagen dezelfde of verschillende gebeden verrichten, vóór of na de oefening de HH. Sacramenten ontvangen en wanneer men na de eerste Noveen geene vruchten van zijn gebed ziet, met eene tweede beginnen, enz. Ten slotte zal men verhooring vinden of wel ten gevolge van zijn smeeken de zaken eene minder ongunstige wending zien nemen.
Willen echter de Novenen voor ons inderdaad heilzaam zijn, dan moeten wij het voorbeeld volgen dergenen , die in de zaal te Jerusalem vergaderd waren , en bidden met eene heilige aandacht, met een zuiver hart , met ijver en volharding , met een onwrikbaar betrouwen op Gods macht, op de voorspraak onzer goede Moeder en onzer vrienden, de Heiligen , slechts die zaken vragende, die voor ons eeuwig heil nuttig zijn, geheel berustend in de beschikkingen der Voorzienigheid. Vooral moeten wij ook zorgen ons leven in overeenstemming te brengen met de gevoelens en voornemens, die wij in onzi* gebeden aan God opdragen.
Op deze wijze gehouden, zullen de Novenen krachtige middelen zijn om overvloedige hemekche gunsten voor tijd en eeuwigheid, voor ons zelve en anderen te bekomen. â Vraagt en gij zult verkrijgen.quot;
Noveen ter voorbereiding tot het feest van Maria's Zuivering of 0. L. Vrouw Lichtmis.
(Zij begint den '24sten Januari.)
AANMERKING. Pius IX verleende aan het houden van deze noveen, op welken tijd van het jaar ze ook gedaan worde : 1° Een aflaat van 300 dairen . iederen da»; 2° Een vollen allaat op een der da^en van de noveen of der acht daaropvolgende , zoo men rouwmoedig biecht, godvruchtig communiceert en bidt tot intentie van Z H (5 Jan. 1849.)
Men is tot het winnen der aflaten niet verplicht onderstaande gebeden te verrichtin ; eik ander s^ebed , mits door de Kerkelijke Overheid goedgekeurd, kan gebruikt worden. (Pius IX. 26 Nov. 18760
(Beringer. Les Indulgences. 1, Biz. 257).
Gebeden voor eiken dag* der Noveen.
Kom , Heilige Geest, vervul de harten uwer geloovigen en ontsteek in hen het vuur uwer Goddelijke liefde.
y. Zend uwen Geest, en alles zal herboren worden.
i^-. En Gij zult het aanschijn der aarde hernieuwen.
Gebed.
O God, die de harten uwer geloovigen door het licht van den Heiligen Geest verlicht hebt, ver-
8
leen ons dien goddelijken Geest, opdat Hij ons leere het goede verstaan en beminnen, en ons zijne hemelsche vertroostingen doe genieten ; door Jesus Christus, onzen Heer. Amen.
i- C)
O allerheiligste Maagd Maria, allerhelderste spiegel aller deugden , er waren nauwelijks veertig dagen na uwe baring verloopen, of Gij gingt, hoewel Gij de reinste der maagden waai t, U volgens de wet, in den tempel ter zuivering aanbieden. Ach, maak, dat wij, overeenkomstig uw voorbeeld, onze harten van alle vlekken rein bewaren , opdat wij waardig zijn , aan God in den tempel der eeuwige heerlijkheid door U te worden voorgesleld.
Wees gegroet., enz.
ii.
O gehoorzaamste Maagd , die U in den tempel vertoonende, gelijk alle andere vrouwen, de gewone offerande hebt willen opdragen ; maak, dat wij, volgens uw voorbeeld, door het beoefenen der deugd, ons altijd aan God weten op te dragen.
Wees gegroet, enz.
(1). Zij , witsti het aau tijd züu ontbrekou . um elkou datr der noveen deze uegon Begroetingenquot; te bidden, kunnen er iederen datj één van nemen.
9
in.
Gij hebt, o allerzuiverste Maagd , U niet geschaamd , de wet der zuivering te volbrengen, ofschoon Gij U hierdoor als onrein voor de oogen der nienschen moest vertoonen; verkrijg ons de genade van onze harten zuiver te bewaren, al zouden wij hierom ook door de menschen als schuldig beschouwd worden.
Wees gegroet , enz,
IV.
Allerheiligste Maagd, met uwen Goddelijken Zoon aan den Eeuwigen Vader op te dragen, hebt Gij het geheele hemelhof verblijd; gewaardig U, ook ons arm hart Gode aan te bieden, opdat het door zijne genade voor elke doodzonde bewaard blijve.
Wees gegroet, enz.
v.
Allernederigste Maagd, toen Gij Jesus , uwen Goddelijken Zoon , in de armen van den heiligen grijsaard Simeon nederlegdet, vervuldet Gij zijnen geest met hemelsche zoetheden ; leg ook ons hart neder in de handen van God, opdat Hij ons met zijnen Goddelijken Geest vervulle.
Wees gegroet, enz.
10
VI.
Gij hebt, o allerijverigste Maagd , met uwen Zoon volgens de wet vrij te koopen, aan het heil der wereld medegewerkt; verlos ook ons arm hart van de zonde, opdat het altijd rein moge wezen voor de oogen van God.
Wees gegroet, enz.
VII.
A11 e r m eedoo gen d s te Maagd , toen U de heilige grijsaard Simeon uwe toekomstige smarten voorspelde , hebt Gij U terstond aan den Wil Gods onderworpen; maak, dat ook wij ons zelve altoos aan de beschikkingen van den Goddelijken Wil overgeven, en met geduld alle kwellingen verdragen.
Wees gegroet, enz.
vin.
Allerbarmhartigste Maagd, die door middel van uwen Goddelijken Zoon de profetes Anna zoozeer met bovennatuurlijk licht vervuld hebt, dat zij de barmhartigheden Gods verhief en Jesus voor den Verlosser der wereld erkende ; vervul onzen geest met hemelsche genade, opdat wij in vreugde de overvloedige vruchten onzer verlossing mogen smaken.
Wees gegroet, enz.
li
IX.
Zeer onderworpen Maagd, het vooruitzicht alleen van het wreede lijden van uwen Goddelijken Zoon doorboorde uw hart met een zwaard van droefheid, en bekend met het hartzeer, dat de H. Joseph, uw Bruidegom, leed, hebt Gij hem door heilige woorden getroost; doordring onze zielen van droefheid bij de herinnering aan onze zonden, opdat wij eens den troost smaken, in den hemel te deelen in uwe heerlijkheid.
Wees gegroet, enz.
De Litanie der H. Maagd.
Heer, ontferm U onzer.
Christus , ontferm U onzer.
Heer , ontferm U onzer.
Christus , hoor ons.
Christus , verhoor ons.
God hemelsche Vader, ontferm U onzer. God Zoon, Verlosser der wereld, ontf. U onzer. God H. Geest, ontferm U onzer. H. Drievuldigheid, één God , ontferm U onzer. H. Maria, bid voor ons.
H. Moeder Gods, bid voor ons.
H. Maagd der maagden , bid voor ons.
Moeder van Christus , bid voor ons.
Moeder der goddelijke gratie, bid voor ons.
Allerreinste Moeder, bid voor ons.
Allerzuiverste Moeder ,
Ongeschonden Moeder ,
Onbevlekte Moeder,
Minnelijke Moeder,
Wonderlijke Moeder,
Moeder des Scheppers ,
Moeder des Zaligmakers,
Allervoorzichtigste Maagd ,
Eerwaardige Maagd,
Lofwaardige Maagd ,
Machtige Maagd,
Goedertieren Maagd ,
Getrouwe Maagd ,
Spiegel der rechtvaardigheid ,
Zelel der wijsheid ,
Oorzaak onzer blijdschap,
Geestelijk vat,
Eerwaardig vat,
Uitmuntend vat van godsvrucht ,
Geestelijke roos ,
Toren van David ,
Ivoren toren ,
Gulden huis,
Arke des verbonds ,
Deur des hemels,
Morgenster,
Behoudenis der kranken,
13
Toevlucht der zondaren, bid voor ons.
Troosteres der bedrukten ,
Hulp der Christenen ,
Koningin der Engelen ,
Koningin der Patriarchen , S
Koningin der Profeten , ^
Koningin der Apostelen , £
Koningin der Martelaren , g
Koningin der Belijders ,
Koningin der Maagden,
Koningin van alle Heiligen,
Koningin zonder erfsmet ontvangen ,
Koningin van den allerheiligsten Rozenkrans, Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld , spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld , verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld , ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
f. De H. Geest had aan Simeon geopenbaard , Dat hij niet zoude sterven, vóórdat hij den Gezalfde des Heeren zou hebben gezien.
14
LAAT ONS BIDDEN.
Almachtige, eeuwige God, ootmoedig smeeken wij uwe Majesteit, dat, gelijk uw eenige Zoon met de zelfstandigheid van ons vleesch in den tempel is opgedragen, zoo ook wij met gezuiverde harten aan U mogen worden aangeboden.
Gebed voor den Paus.
O God, Herder en Bestierder aller geloovigen, werp een genadigen blik op uwen dienaar N., dien Gij U gewaardigd hebt als Herder over uwe Kerk aan te stellen; geef. smeeken wij U, dat hij de hem onderhoorigen door woord en voorbeeld stichte, opdat hij met de hem toevertrouwde kudde tot het eeuwige leven moge geraken.
Gebed voor alle geloovigen.
O God, onze toevlucht en onze kracht, Gij, die zelf de oorsprong aller godsvrucht zijt, verhoor genadig de godvruchtige gebeden uwer Kerk, en geef, dat wij datgene metterdaad mogen verwerven, wat wij met een vast betrouwen verzoeken. Door Christus , onzen Heer. Amen.
s.
Genade-noveen ter eere van den H. Franoisous Zaverius.
{Zij heg int den 4den Maart.)
Ziehier volgens de â Maandrozenquot; den oorsprong der â Ge nadenoveen.quot;
In December 1633 verscheen te Napels de H. Franciscus Xaverius aan Pater Marcellus Mastrilli van de Sociëteit van Jesus. Pater Mastrilli nl. was bij de versiering van een heiligdom van O. L. Vrouw door een vallenden hamer doo-delijk aan het hoofd gewond. Hij scheen zijn einde nabij, toen zich eensklaps de li. Fr. Xaverius, schitterend van glorie. aan hem vertoonde. Hij doet den Pater beloven, naar Japan te zullen vertrekken , ten einde daar den marteldood te ondergaan ; en nadat de stervende het beloofd heeft, geneest hij hem plotseling. Dan niet alleen om Pater Mastrilli te onderrichten en te genezen, was de Heilige verschenen ; de groote Apostel van Indië en Japan, die gedurende zijn leven alle? had opgeofferd voor het heil der zielen, wilde ook de hulpvaardige liefde , die hem thans nog in den hemel bezielt, aan allen bekend maken. Bij deze gelegenheid toch verzekerde tie Heilige aan den wonderbaar genezene, â dat allen, die gedurende negen dagen, van den 4(len tot den 12d^',1 Maart (den dag zijner heiligverklaring), dagelijks zijn bijstand hij God zouden inroepen., en tijdens die noveen zouden biechten en ter 11. Tafel naderen, de macht zijner voorspraak zouden ondervinden , en van God alles zouden verwerven , wat zij voor hunne zaligheid en Gods glorie mochten vragen.quot;
Kort daarop vertrok Pater Mastrilli naar Japan. Daar hij op zijn reis naar Madrid door Home kwam, verhaalde hij aan Z. H. Paus Urbanus VIII en later in de hoofdstad van Spanje aan koning Philips IV en het gansche hof het groote
16
wonder, waarvan de mare zich reeds heinde en verre had verspreid. â Nauwelijks in Japan aangekomen, werd Pater Mastrilli als Christen erkend en gevangen genomen. Na gedurende vier dagen de onmenschelijke foltering van den kuil voor Jesus' Naam met onverwinnelijk geduld te hebben doorstaan , stierf de dienaar Gods den 17den October 1638 den marteldood door het zwaard.
Binnen weinige jaren was de noveen schier overal verspreid ; op het einde der 17de eeuw werd zij reeds gehouden in bijna alle landen van Europa : in Italië , Duitsch-land, Spanje, Frankrijk, enz. Van Europa ging deze oefening over naar de Nieuwe Wereld ; en zoozeer werd zij overal door de schoonste genadegaven gezegend , zoo rijk was zij steeds aan de wonderdadigste uitwerkselen, dat men haar den naam gaf van â Genade-noveen.quot; (Novena gra-tiarum).
Wat nu de gebeden en oefeningen aangaat, die men gedurende deze noveen te verrichten heeft, ofschoon er niets bepaalds is voorgeschreven, en dus een ieder zijn eigen godsvrucht kan volgen , mag toch onderstaand gebed , dat Pater Mastrilli zelf bad, als bijzonderlijk voor de noveen geëigend worden beschouwd. Men voege daarbij eenige korte gebeden tot herinnering aan de buitengewone devotie des Heiligen jegens het mysterie der H. Drievuldigheid en aan zijn wondervol tienjarig apostolaat; men besluite met het gewoon kerkelijk gebed ter eere van den H. Franciscus Xaverius.
Gebed tot den H. Franciscus Xaverius.
Beminnelijke en liefdevolle Heilige , eerbiedig aanbid ik met u de Goddelijke Majesteit. De gedachte aan de bijzondere genadegaven , welke God u gedurende uw leven heeft verleend , alsook de herinnering aan de glorierijke gaven , u na den dood te beurt gevallen, vervullen mijn hart met groote blijdschap. Ik breng daarvoor der God-
17
delijke Majesteit mijn hartelijksten dank ! Verwerf mij â ik smeek het u van ganscher harte â door uwe machtige voorspraak de zoo uitstekende genade van heilig te leven en zalig te sterven. Ik smeek u, verkrijg ook voor mij {deze of die genade, h ier te noemen); of mocht, wat ik vraag, niet strekken tot grootere glorie Gods en tot meerder nut voor mijne ziel, verwerf mij dan datgene, wat voor Gods eer en het heil mijner ziel het dienstigst wezen zal. â
3 Onze Vader , enz. â 3 Wees gegroet, enz.
10 Glorie zij den Vader , enz.
LAAT ONS BIDDEN.
0 God, die door de prediking en de wonderen van den gelukzaligen Franciscus de volkeren van Indië tot uwe Kerk hebt willen geleiden, verleen ons genadiglijk, dat wij de voorbeelden van deugd mogen navolgen , ons door hem gegeven, wiens roemrijke verdiensten wij vereeren. Door Jesus Christus, onzen Heer. (1)
(1) Gebed der H. Kerk op het feest van den H. Fr. Xav. N. 2
Noveen ter eere van den H. Joseph.
(Zij begint den -10llen Maart.)
Voor de Atiaten , zie AANMERKING, blz. 7.
Voorbereidend gebed.
Glorierijke Patriarch der Nieuwe Wet, getrouwe Bruidegom van Maria en Voedstervader van den nienschgeworden God, ik weet, dat alles, wat ik te uwer eer zal doen, ook zal strekken tot eer, en glorie van Jesus en Maria. Daarom heb ik besloten negen dagen te wijden aan uwe bijzondere vereering. O glorierijke Heilige , verwarm mijne lauwheid en breng mijne arme ziel in zulk eene gesteltenis, dat ik met vurigheid deze heilige oefening moge ondernemen. Ik smeek u door de liefde en den ijver, waarmede gij den menschgeworden Zoon Gods en zijne H. Moeder, uwe onbevlekte Bruid, bemind en gediend hebt, verkrijg voor mij in het bijzonder die gunsten, welke ik in deze Noveen kom vragen......
En, o H. Joseph, opdat mijne eerbewijzingen
19
T
u des te aangenamer zouden zijn, offer ik ze aan u op door de handen uwer welbeminde Bruid en door die van uwe getrouwe dienares, de H. Teresia.
Gebed tot de H. Teresia
om door hare tusschenkomst de bescherming van den H. Joseph af te smeeken.
0 H. Teresia, wonderbare Maagd en Moeder van den Garmel, ik wenschte wel den H. Joseph waardiglijk te vereeren , zooals gij het met zulk een grooten ijver gedaan hebt. Daarom wees mij een voorspreekster bij den glorierijken Bruidegom van Maria, opdat hij mij aanneme onder het getal zijner godvruchtige vereerders. Verkrijg voor mij de genade van voortdurend onder zijne bescherming aan mijne heiligmaking te werken en het geluk van eenmaal zalig te sterven onder de aanroeping der HH. Namen van Jesus, Maria en Joseph. Amen.
Vraag ook voor mij , dat ik de gunsten ver-werve, welke ik in deze Noveen kom afsmeeken.....
1® DAG.
gen
O groote H. Joseph, de hemelsche Vader heeft u in zijne plaats gesteld tot Vader van zijn
20
menschgeworden Zoon. Ik verheug mij over die groote waardigheid, waartoe gij onder alle men-schen verheven zijt; maar ik verheug mij vooral, omdat God uw hart vervuld heeft met vaderlijke liefde voor zijnen Zoon, opdat gij Hem met eene grooter en zuiverder liefde zoudt beminnen dan een vader zijn eigen kind. Help mij dan, o mijn glorierijke Beschermer, door die onuitsprekelijke liefde voor het Goddelijk Kind, opdat ik ook naar uw voorbeeld Jesus hartelijk beminne en die liefde steeds toone door al mijn doen en laten , in leven en dood. Amen.
Oefening voor dezen dnq. â 1. Herhaal vandaag eenige malen dit schietgebed; Zoet Hart van Jesus, maak, dat ik U steeds meer en meer beminne.
(300 liageu afl. telkeus. Pius IX. 26 Nov. 1876.)
2. Doe eene of andere kleine versterving om aan Jesus uwe liefde te toonen.
2* DAG.
O gelukkige heilige Joseph, die door de Allerheiligste Drievuldigheid zijt uitverkoren tot Bruidegom van de Onbevlekte Moeder van Jesus, gij zijt waardig, dat alle Engelen en menschen u loven en prijzen om die onvergelijkelijke waardigheid. Ik smeek u uit den grond mijns harten, dat gij voor mij willet verkrijgen, dat ik Maria bemin-
21
er die ne en ^001quot; Haar steeds bemind worde. Verkrijg
men- voor m\j ^ie teedere en grondige vereering van
ooral, de allerheiligste Maagd, welke een onderpand
rhjke is der eeuwige zaligheid ; want een waar dienaar
eene van Maria kan niet verloren gaan. Zeg Haar
dan dan, dat Zij , door da liefde, waarmede Zij u
i, o bemint, mij opneme onder het getal van hare
jpre- kinderen en Zij mij altijd bescherme in leven
it ik en dood. Amen.
inne Oefening voor dezen dag: 1. Zeg nu en
i en dan dit schietgebed : Jesus , Maria , Joseph , ik geef U mijn hart, mijne ziel en mijn leven.
(100 da^ep afi. telkens. Pias V II 2S April 1807.)
Iarj 2. Ter eere van de zuiverheid van Maria en
eer Joseph , wees zedig in al uwe oogslagen.
3e DAG.
)m Hoe groot was uw geloof, o H. Joseph, toen
de Engel des Heeren n het geheim der Mensch-wording van Gods Zoon verkondigde, toen hij u beval met het Goddelijk Kind en zijne H. Moe-r- der te vluchten voor de vervolging van Herodes,
gt;- toen hij u terugriep naar het land van Israël,
jt Verkrijg voor mij deze schoone deugd des geloofs,
n die de grondslag en de wortel is van alle andere
deugden; verkrijg voor mij dat levendig en werk-j dadig geloof, dat getrouw blijft in alle beproe-
^ vingen. Maak door uw gebed en voorbeeld, dat
22
ik op deze wereld leve in en door het geloof, om eenmaal de belooning er van te bekomen in den hemel. Amen.
Oefening voor dezen dag: i. Verwek eene ^oe
akte van geloof. â 2. Doe een geestelijk werk 'yquot;
van barmhartigheid. gij
lie]
4' DAG. m
O H. Joseph , als ik een weinig had van die vel onwankelbare hoop, welke u op God deed ver- SÃ trouwen zelfs in de hachelijkste omstandigheden, ^1 zou ik dan wel zoo spoedig in den minsten zv
tegenspoed den moed verliezen ? Zou ik dan J. ® zoo dikwijls de eeuwige goederen des hemels vergeten, om mij te hechten aan de vergankelijke ®
goederen dezer aarde ? Eiken dag noem ik God n
mijnen Vader, en toch, hoe zwak is mijn ver- e
trouwen ! Mijn beminnelijke beschermer, bekom %
voor mij die vaste hoop, welke door niets aan het wankelen wordt gebracht; die overwinnende â
hoop, welke alle tegenheden en bekoringen te boven komt; die hoop eindelijk, welke ons ondersteunt in alle voorvallen des levens, onze troost zal zijn in het uur des doods en ons de poorten der eeuwige zaligheid zal openen. Amen.
Oefening voor dezen dag : 1. Verwek eene akte van hoop. â- 2. Doe een lichamelijk werk van barmhartigheid.
23
5» DAG.
O Seraphijn van liefde , glorierijke H. Joseph, hoe brandde uw harl van liefde voor God en zijnen menschgeworden Zoon ! Jarenlang mocht gij Hem dagelijks zien, die zelf getuigde: Zóó lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijnen eenigen Zoon heeft gegeven. (Jois III. 16.) Zoo vertrouwelijk als een vader met zijn kind, mocht gij omgaan met Hem, van wien ik met den Apostel zeggen mag: « Hij heeft mij bemind en zich zeiven voor mij overgeleverd.quot; (Gal. H. 20.) En ik , H. Joseph , dagelijks mag ik opzien naar het kruis, dagelijks mag ik Jesus in zijn H. Sacrament bezoeken , zoo dikwijls hart aan Hart mij met Hem vereenigen in de H. Communie; en toch , ik blijf zoo koud in zijne liefde, zoo weinig ijverig om God te toonen , dat ik Hem waarlijk bemin. â Jesus kan niets aan u weigeren ; vraag dan voor mij bovenal die edelmoedige liefde , welke alles vermijdt, wat God mishaagt, en datgene doet, wat God behaaglijk is. Am.
Oefening voor dezen dag: 1. Verwek nu en dan eeue korte akte van liefde. â 2. Denk vandaag eens na over deze woorden van Jesus: Zóó lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijnen eenigen Zoon heeft gegeven. (Jois. III. 16.)
24 6» DAG.
H. Joseph, trouwe navolger van Jesus en Maria, die u zoo diep vernederd hebt in de oogen der rnen-schen , als gij groot waart voor God , leer mij waarlijk ootmoedig van harte wezen. Mijne eigenliefde verblindt mij ; zij verbergt mij mijne fouten en gebreken ; en verre van te zuchten over mijne onwaardigheid en ellende, ga ik groot op het weinige goed , dat ik doe. O beminnelijke Heilige, verkrijg voor mij de genade van mij zeiven te kennen en te verachten ; verwerf voor mij , dat ik alle menschelijk opzicht met voeten trede, en dat ik zoeke alleen aan God te behagen in al mijn doen en laten, o Jesus, Maria en Joseph, ik wil voortaan mijn eenigen roem stellen in mij te vernederen volgens uw voorbeeld. Amen.
Oefening voor dezen dag : 1. Dikwijls herhalen : Jesus, zachtmoedig en ootmoedig van harte, maak mijn hart gelijk aan het uwe.
(300 dagen aflaat, eens per dag. Pius IX. 25 Jau. 1868).
2. Als gij het gedrag van anderen zonder reden wilt beoordeelen, denk dan op uwe eigene gebreken.
7° DAG.
Glorierijke H. Joseph , van wien de H. Geest zeil den lol verkondigt door u te prijzen als een
rechtvaardig man, d. i. bejriftigd met alle deugden ; ik ben vol van bewondering, als ik al de schatten beschouw van genaden en heiligheid , waarmede uwe ziel is verrijkt. Wat ben ik verwijderd van uwe ootmoedigheid , uwe zachtmoedigheid , uwe liefde , uwe zuiverheid , uwe onthechting aan al het aardsche en zoovele andere deugden ! O ! laat niet toe , dat ik nog langer een slaaf zij mijner kwade neigingen. Met uwe hulp en die uwer gezegende Bruid , wil ik mij ijverig op de beoefening der deugd toeleggen. Ik wil vooral met eene bijzondere zorg waken op de bewaring der zuiverheid, die schoone deugd, welke u zoo dierbaar was; ik wil ook arm zijn van geest, om de goederen des hemels te verdienen ; naar uw voorbeeld zal ik mij gewoon maken mij in alles aan Gods Wil te onderwerpen. o H. Maagd en Moeder Gods, en gij, rechtvaardige Joseph , verkrijgt voor mij , dat ik uwe deugden navolge , om eens aan te landen in de haven der eeuwige zaligheid. Amen.
Oefening voor dezen dag ; 1. U overwinnen in datgene, wat u bijzonder moeite kost. â 2. â Als u iets moeilijks overkomt, denk dan: Het is mijn Vader in den hemel, die het tot mijn welzijn overzendt, en zeg; « Vader, uw Wil geschiede.quot;
8e DAG.
O H. Joseph , gij zijl waarlijk de Patroon van het inwendig leven. Het was Jesus, het waren de volmaaktheden en de grootheid van God, die uw hart geheel bezig hielden. De uitwendige werken konden u niet van de tegenwoordigheid Gods aftrekken, en uwe liefde gaf een onschatbare waarde aan de minste uwer handelingen. O wonderbaar voorbeeld van ingetogenheid en ijver, gij hebt eene bijzondere macht ontvangen om de zielen tot God te leiden door de oefening van 't gebed. Bedwing dan mijn verstrooiden geest, verwijder uit mijn hart alle lauwheid en vervul het met ware liefde en ijver; verkrijg voor mij den inwendigen geest, den geest van overweging en van gebed, en eene zuivere meening in al mijn doen en laten. Ik verwacht alles van uwe goedheid , en ik geef mij geheel over aan uwe leiding. Amen.
Oefening voor dezen dag: 1. Denk dikwijls aan Gods alomtegenwoordigheid. ââ 2. Roep den H. Joseph eenige malen aan als Patroon van het inwendige leven.
98 DAG.
o H. Joseph, het is vooral in het uur van den dood, dat ik uwe bescherming noodig heb; ik
27
vraag op dezen dag- uwe hulp voor dat vreeselijk oogenblik, waarvan ik niet weet, of ik u dan zal kunnen aanroepen. Helaas, na zulk een weinig christelijk leven , dat ik geleid heb, mag ik wel vreezen voor Gods rechtvaardigheid ! Groote Heilige, die het voorbeeld en de trooster zijt der stervenden , maak , ik smeek het u, dat ik den dood der rechtvaardigen sterve; maar, opdat ik zulk eene groote genade zou mogen verwachten, verkrijg voor mij , dat ik, gelijk gij, leve naar het voorbeeld van Jesus en Maria. Ik wil van nu af sterven aan al mijne kwade neigingen, aan alle aardsehe verlangens; ik wil boetvaardigheid doen voor het ver! ede ne, en voortaan God beminnen uit geheel mijn hart, uit geheel mijne ziel en uit al mijne krachten. Jesus, Maria, Joseph , het is in de hoop op uwe hulp en onder uwe bescherming, dat ik deze besluiten genomen heb ; Jesus, Maria , Joseph, staat mij bij, nu en in het uur van mijnen dood. Amen.
Oefening voor dezen dag : 1. Herhaal eenige malen dit schietgebed : Jesus, Maria, Joseph , staat mij bij in mijnen doodsstrijd.
(100 da^en allaat Pius Vil. 28 April 1807.)
2. Eene oefening doen van boetvaardigheid of versterving, om te voldoen voor de straffen zijner zonden.
4.
Noveen ter eere van 0. L. V. der Seven quot;Weeën.
(Zij begint Woensdag vóór Passie-Zondag en Vrijdag na den 4sten Zondag in September). (1)
Vour de Aflateu , zie AANMERKING, bh. 7.
Gebed voor eiken dag der noveen.
y. O God, kom mij ter hulp.
i^. Heer, haast U, om mij te helpen.
Glorie zij den Vader, en den Zoon , en den Heiligen Geest.
Gelijk het was in het begin en nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen. Amen.
i.
Koningin der Martelaren, Maria, Moeder der Smarten , ik bid U, door de groote droefheid, die Gij gevoeldet, toen U de heilige grijsaard
(1) Het feest van O. L. Vrouw der Zeven Weeën wordt tweemaal in het jaar gevierd , t. w. Vrijdag na Passie-Zondag en den 3(1eu Zondag: in September.
29
Simeon het lijden .3n den dood van uwen God-delijken Zoon voorspelde , en waaronder Gij tot aan Jesus' dood voortdurend geleden hebt; verwerf mij de genade, om altijd de herinnering aan het lijden en den dood van Jesus in mijn hart te dragen, en mijne zonden, die de oorzaak van dat lijden en dien dood geweest zijn, tot het laatste oogenblik van mijn leven met tranen van een oprecht berouw te beweenen. Amen.
3 Wees gegroet, enz.
ANTIPHOON.
Toen Jesus zijne Moeder en den leerling, dien Hij beminde, onder het kruis zag staan , zeide Hij tot zijne Moeder: ff Ziedaar uw zoon.quot; Vervolgens zeide Hij tot den leerling: « Ziedaar uwe Moeder.quot;
ir. Koningin der Martelaren , bid voor ons.
FÃ,. Gij , die gestaan hebt onder het kruis van Jesus.
GEBED.
O God, in wiens lijden de allerteederste ziel der glorierijke Moedermaagd Maria, volgens de voorzegging van Simeon, met een zwaard van droefheid doorstoken werd, geef genadig, dat wij,
30
die hare smarten met eerbied herdenken, de ge- Jesus lukkige vrucht van uw lijden erlangen. Die leeft verlie en heerscht in alle eeuwen der eeuwen. Amen. blijve
Ame
ii. bed.
Koningin der Martelaren , Maria, Moeder der Smarten , ik bid U, door de wreede smart, die Gij verduurdet, toen Gij hoordet, dat Herodes uw Goddelijk Kind ter dood wilde brengen en Gij genoodzaakt waart, midden in den nacht onder duizend moeilijkheden en gevaren met Joseph, uwen Bruidegom, en het Kindje Jesus naar Egypte te vluchten ; bekom mij de genade, om liever de grootste ongemakken en smarten te verduren, dan Jesus in mijn hart te doen sterven of oorzaak te zijn, dat Hij door anderen wordt beleedigd. Amen. 3 Wees gegroet, enz. Antipb. Vers en Gebed. bl. 29.
in.
Koningin der Martelaren , Maria, Moeder der Smarten, ik bid U, door de bittere droefheid, die Gij gevoeldet, toen Gij U van uwen Goddelijken Zoon Jesus in Jerusalem gescheiden za agt en Hem gedurende drie dagen met een beklemd hart gingt zoeken, totdat Gij Hem wedervondt, om Hem niet meer te verliezen; verwerf mij de genade, dat ik
31
Jesus door de vervloekte doodzonde nooit meer verlieze, maar door de liefde met Hem vereenigd blijve tot aan het laatste oogenblik mijns levens. Amen. 3 Wees gegroet, enz. Antiph. Vers en Gebed. bl. 29.
IV.
Koningin der Martelaren , Maria, Moeder der Smarten, ik bid U, door de hevige smart, die Gij leedt, toen Gij hoordet, dat uw Goddelijke Zoon gevangen genomen en r.er dood veroordeeld was, en door de bitterste droefheid, die Gij gevoeldet, toen Gij Hem op weg naar Kalvarië gedrukt onder den last van het zware kruishout ontmoettet; verwerf mij toch de genade, om het kruis van mijnen staat met denzelfden geest te dragen, waarmede Jesus zijn kruis gedragen heeft, cpdat ik moge lijden in vereeniging met Hem en tot aan mijn laatsten snik in alles mijn wil aan zijnen Goddelijken Wil gelijkvormig make. Amen. 3 Wees gegroet, enz. Antiph. Vers en Gebed. bl. 29.
v.
Koningin der Martelaren, Maria, Moeder der Smarten , ik bid U , door de uiterste droefheid, die uw hart doorboorde, toen Gij uwen Goddelijken Zoon aan het kruishout zaagt nagelen, en
32
gt;
Hem aan het kruis opgeheven, drie uren lang eindelooze smarten zaagt lijden , totdat Hij zijne gezegende ziel in de handen zijns Vaders overgaf, â maak, dat ik, om wille der verdiensten -A van het lijden en den dood van uw Goddelijk en Zoon, heilig sterve en, bijgestaan door U en Jesus, in uwe handen mijnen geest moge geven. Amen. 3 Wees gegroet, enz. Antiph. Vers en Gebed. bl. 29.
VI.
Koningin der Martelaren , Maria , Moeder der Smarten, ik bid U, door de wreede pijn , die uw hart doorgriefde, toen Gij het Hart van uwen Goddelijken Zoon , na zijn dood , met eene lans zaagt doorsteken, en de wonde van dat Hart geheel en al in U gevoeldet, wijl uw hart met het Hart van uwen Jesus onafscheidelijk verbonden was, â bekom mij van uwen Goddelijken Zoon de genade, dat Hij mijn hart wonde met een schicht van liefde, opdat ik noch in den tijd,
noch in de eeuwigheid van Hem kunne gescheiden worden. Amen.
3 Wees gegroet, enz. Antiph. Vers en Gebed. bl. 29.
VII.
Koningin der Martelaren , Maria , Moeder der Smarten, ik bid U, door de overmaat '.'an droef-
33
heid, die Gij gevoeldet, toen Gij het Goddelijk lichaam, van het kruis genomen, in het graf hielpt nederleggen, waarin alsdan ook uw minnend hart werd opgesloten, â verwerf mij de genade , den ouden mensch en zijne driften met Jesus te begraven, en mij te hekleeden met den nieuwen mensch, die gevormd is naar het beeld van Jesus Christus, opdat ik uwe bescherming in het leven en uwen bijstand in den dood moge waardig zijn en deelgenoot worde van uwe glorie in den hemel. Amen.
3 Wees gegroet, enz. Antiph. Vers en Gebed. bl. 29.
VIII.
Koningin der Martelaren , Maria, Moeder der Smarten , ik smeek U bij al het onbegrijpelijk hartzeer, dal Gij met zulk een heldhaftig geduld verduurd hebt, verkrijg mij de genade van naar uw voorbeeld altijd een heilig gebruik te maken van de kwellingen en moeilijkheden, die het den goeden God zal behagen mij over te zenden. Ja, geef, lieve Moeder, dat ik in kruisjes en wederwaardigheden zijne vaderlijke Voorzienigheid aan-bidde, mij geheel aan zijne liefdevolle leiding overgave, alzoo meer en meer in zijne liefde bevestigd worde, voor mijne schulden moge voldoen N. 3
34
en eenen grooten schat, van verdiensten voor de eeuwigheid vergadere. Amen.
3 Wees gegroet, enz. Antiph. Vers en Gebed. bl. 29.
Koningin der Martelaren, Maria, Moeder der Smarten , ik wil U niet alleen laten weenen , ik wil met U weenen en lijden. Ik bid U daarom,
verkrijg mij de genade, van altijd met eene teedere godsvrucht aan het lijden van Jesus en aan uwe smarten te mogen denken, opdat ik al mijne overige levensdagen bestede om uwe smarten , o mijne beminde Moeder , en het lijden van nwen Goddelijken Zoon te beweenen. Moge ik zoodoende door uwe voorspraak verwerven : de vergiffenis mijner zonden , de volharding in de heilig- en makende genade en eindelijk den hemel, waar Wi ik hoop mij eeuwig met U te verheugen en de wf oneindige barmhartigheid Gods te loven. â Ja, oo goede Moeder, dit hoop ik ; zoo zij het. Amen. Gc 3 Wees gegroet, enz. Antiph. Vers en Gebed. bl. 29. mi
iec
Noveen ter voorbereiding voor het feest van 0. L. Vrouw Boodschap.
(Zij begint den 16'len Maart.)
Voor de AHaten , zie AANMERKING, bl. 7.
Gebeden voor eiken dag der noveen.
Kom, Heilige Geest, enz. bl. 7.
i.
Ik kom U, o allerheiligste Maagd, mijne hulde en eerbetuiging aanbieden, U, die op het oogen-hlik der Boodschap, toen God zelf U tot de hooge waardigheid van zijne Moeder verheven beeft, het ootmoedigste waart van alle schepselen in de oogen Gods. Ach , maak , dat ik , ellendige zondaar , mijne nietigheid erkenne en mij wezenlijk voor iedereen vernedere.
Wees gegroet, enz.
ii.
O Maria, toen Gij door de groetenis van den Aartsengel Gabriël onderricht werdt omtrent de
36
inzichten des Heeren, die U boven alle koren dei-Engelen verhief, hebt Gij U de nederige dienstmaagd des Heeren genoemd. Ach , verkrijg mij eene oprechte ootmoedigheid en eene engelachtige zuiverheid, opdat ik mij door mijne levenswijze altoos den hemelschen zegen waardig make.
Wees gegroet, enz.
in.
O zalige Maagd, die op de boodschap van Gods Engel geantwoord hebt: « Mij geschiede naar uw woorddoor deze toestemming, met zulk eene oprechte ootmoedigheid uitgesproken, hebt Gij het Goddelijk Woord uit den schoot des Vaders in uwen maagdelijken schoot doen nederdalen. Ach , gewaardig U, mijn hart tot God te verheffen, opdat ik, dankbaar voor uwe ootmoedige onderwerping aan de inzichten Gods, in alle oprechtheid met U kunne uitroepen : « Dat mij geschiede naar zijnen Wil.quot; O vermogende wensch ! o krachtig woord! o bewonderenswaardig en verheven gebed 1 God verhoore hetzelve !
WTees gegroet, enz.
IV.
O verhevenste Maagd, die door den Aartsengel Gabriël op den dag der Boodschap zoo bereid-
37
willig werdt bevonden om te gehoorzamen aan den Wil van God en de verlangens der Allerheiligste Drievuldigheid, die uwe toestemming afwachtte om de wereld te verlossen, verkrijg voor mij, dat, ik in eiken toestand van mijn leven, zoowel in voor- als tegenspoed , mij steeds tot God verhefle, alloos met volle overgeving zeggende : « Ja , Heer , mij geschiede naar uw woord !quot;
Wees gegroet, enz.
v.
O allerheiligste Maagd Maria, ik Legrijp, dat uwe gehoorzaamheid U door een zoo nauwen band met God vereenigd heeft, dat er geen nauwere bij eenig ander schepsel kan bestaan ; want om meer met God vereenigd te zijn , zou men zelf God moeten wezen ; maar ik ben diep beschaamd, als ik zie , hoe ver mijne zonden mij van God verwijderd hebben. O goedertierene Moeder, breng mij tot een oprecht leedwezen over dezelve , opdat ik tot eene innige vereeniging met uwen Goddelijke Zoon gerake.
WTees gegroet, enz.
VI.
O allerheiligste Maagd Maria, zoo Gij in uwe nederigheid ontsteld werdt, toen de Aartsengel Ga-
38
briël in uwe bidkamer verscheen , hoezeer moet ik dan niet in uwe tegenwoordigheid over mijnen hoogmoed beschaamd staan ! Ik smeek U dan, o Maria, door uwe onvergelijkelijke ootmoedigheid, die aan de menschen God gegeven, hun den he-mel geopend en de hel gesloten heeft, ik smeek U, mij uit den afgrond mijner zonden op te beuren en tot de eeuwige zaligheid te brengen.
Wees gegroet, enz.
O allerreinste Maagd, ofschoon mijne tong bezoedeld is, brand ik toch van verlangen, U dikwijls te groeten met deze woorden: «Weesgegroet , Maria, vol van gratie,quot; en ik bid Ã, uit het diepste van mijn hart, mijne ziel deelachtig te maken aan den overvloed van genaden, waarmede de Heilige Geest, over U komende, U overladen heeft.
Wees gegroet, enz.
vin.
Gelukzalige Maagd, reeds van het oogenblik uwer ontvangenis was de lieer met U ; maar hoeveel nauwer is Hij met U vereenigd , sedert het Woord in uwen schoot de menschelijks natuur heeft
39
aangenomen. Geef, dat ik zoozeer bezorgd zij, de heiligmakende gratie te bewaren, dat ik altijd met mijnen Zaligmaker Jesus, uwen Goddelijken Zoon , vereenigd blijve.
Wees gegroet , enz.
IX.
O allerheiligste Maagd Maria, gezegende van God onder alle vrouwen, zegen mijn hart, zegen mijne ziel; want ik vertrouw en ben verzekerd, dat, indien Gij mij nu zegent, o mijne teedere Moeder, gedurende den loop van dit leven, ik des te meer gezegend zal zijn in het verblijf der gelukzaligen gedurende de gansche eeuwigheid.
Wees gegroet, enz.
De Litanie der II. Maagd.
Heer, ontferm U onzer, hl. 11.
ir. De Engel des Heeren heeft Maria geboodschapt ,
R-. En zij heeft ontvangen van den Heiligen Geest.
LAAT ONS BIDDEN.
O God, die gewild hebt, dat uw Woord bij de boodschap des Engels de menschelijke natuur in
40
den schoot der Maagd Maria zoude aannemen, verleen ons, smeeken wij, dat wij hij U door de geheden van Haar geholpen worden , welke wij waarlijk als Gods Moeder erkennen.
Gebed voor den Paus.
0 God , Hei der en Bestierder, hl. 14.
Gebed voor alle geloovigen.
0 God, onze toevlucht en onze kracht, hl. 14.
Noveen ter voorbereiding voor het Besoherm-feest van den H. Joseph, (l)
(gden Zondag na Paschen).
{Zij begint Vrijdag na Beloken Paschen.)
Gebeden voor eiken dag der noveen.
O God , zie op tot mijne hulp ,
Heer, haast U, om mij te helpen.
Glorie zij den Vader enz.
Allerheiligste Maagd , verwerf mij de genade , uwen H. Bruidegom Joseph godvruchtig te vereeren, en mij steeds in uwe en zijne bescherming te mogen verheugen.
Groote H. Joseph , hoor mijn smeeken, wees altijd mijn beschermer.
1° DAG.
LOFSPRAAK
Wat is de God van Israël goed voor hen, die den engelachtigen Bruidegom van Maria godvruchtig vereeren !
(1) Voor eene uoveeo ter eere van den H. Joseph is noch de tijd des jaars, noch de vorm der eeheden voorgeschreven , om de allaten , op bl. 7 vermeld, te verdienen.
4'2
Sint Toseph is onze beschermer geworden bij den Heer, om ons de genade der zaligheid te verkrijgen
Onze Vader. Wees gegroet. Zevenmaal Glorie zij den Vader, ter eere der 7 smarten en vreugden van den H. Joseph.
Gebed tot den H. Joseph. (1)
O glorierijke H. Joseph , vader en beschermer der maagden, getrouwe bewaarder, aan wiens zorg Jesus, de onschuld zelve, en Maria, de zuiverste der maagden, werden toevertrouwd, ik bid en bezweer u bij Jesus en Maria, bij dat dubbele pand, dat u zoo dierbaar was, maak, dat ik mij vrij van alle smet beware, en , rein van geest, hart en lichaam , Jesus en Maria altijd in eene volmaakte zuiverheid diene. Amen.
SCHIETGEBED.
H. Joseph , Voorbeeld en Patroon der vereerders van Jesus' H. Hart, bid voor ons. ('i)
'2quot; DAG.
LOFSPRAAK.
Ik heb mijne stem verheven en den H. Joseph aangeroepen , en hij heeft in zijne gewone goedheid mijn gebed verhoord.
(1) 100 datreu afl. eens (iaatja. (Pius IX. 3 Febr. 1863.)
(2) 300 da^ea all. eeus daags. (Leo XIII. 19 Nov. 1891.)
43
Hij schenkt gunsten in overvloed aan allen, die hem aanroepen , en altijd is hij gereed hen bij te staan.
OnzeVader. Weesgegroet. Zevenmaal Glorie zij den Vader, enz. Gehed tot den H. Joseph. Schietgebed. bl. 42.
3e DAG.
LOFSPRAAK.
Wij zullen u onophoudelijk verheerlijken, o machtige H. Joseph ; wij zullen uwen naam prijzen , die ons met troost vervult.
quot;Wij zullen u door onze goede werken trachten te behagen, en gij zult ons geleiden naar de plaats der ware rust.
Onze Vader. Wees gegroet. Zevenmaal Glorie zij den Vader, enz. Gebed , enz. bl. 4'2.
4« DAG.
LOFSPRAAK.
Zij, die den H. Joseph beminnen, zullen door den Heer gezegend worden , en zij, die op hem vertrouwen, zullen alles verkrijgen, wat zij overeenkomstig Gods Wil verlangen.
God schept er zijn behagen in, de gebeden van den H. Joseph te verhooren.
Onze Vader. Wees gegroet. Zevenmaal Glorie zij den Vader, enz. Gebed , enz. bl. 42.
u
5® DAG.
LOFSPRAAK.
Wie is u gelijk, o groote H. Joseph ? Wie is u gelijk, en wie kan uwe glorie, uwe heerlijkheid en macht bevatten ?
Vreest niet, gij allen, die den H. Joseph godvruchtig vereert; hij is uw beschermer, en de belooning, die u wacht, zal overgroot zijn.
Onze Vader. Wees gegroet. Zevenmaal Glorie zij den Vader, enz. Gebed, enz. bl. 42.
6quot; DAG.
LOFSPRAAK.
God heeft den H. Joseph deelgenoot gemaakt van zijne macht en zijne barmhartigheid.
Zij, die gij beschermt, o H. Joseph, zullen heil verwerven van den Heer; ongelukkig daarentegen zij , van wie gij uw aangezicht afwendt.
Onze Vader. Wees gegroet. Zevenmaal Glorie zij den Vader, enz. Gebed, enz. bl. 42.
7« DAG.
LOFSPRAAK.
WTie heeft in nood en kwelling tot u, H.Joseph, zijn toevlucht genomen, zonder uwe groote macht bij God te ondervinden ?
Gij vertroost ons in de moeilijkheden , sterkt ons in de bekoringen, en verijdelt de plannen
45
van Satan, gelijk gij hier op aarde de plannen van Herodes verijdeld hebt.
OnzeVader. Weesgegroet. Zevenmaal Glorie zij den Vader, enz. Gebed , enz. bl. 42.
8» DAG.
LOFSPRAAK.
Eeuwig zal ik uwe barmhartigheid zingen, o glorierijke H. Joseph , en gaarne zou ik allen de grootheid van uwe heiligheid en uwe macht in den hemel doen kennen.
Mijne tong zal nooit ophouden, uwen lof te verkondigen en uwe barmhartigheid te prijzen en te verhellen.
Onze Vader. Wees gegroet. Zevenmaal Glorie zij den Vader, enz. Gebed, enz. bl. 42.
9'- DAG.
LOFSPRAAK.
Loof, mijne ziel, den Heer, die u den H. Joseph tot Beschermer heeft aangewezen.
Ons heil is in uwe handen, o machtige H. Joseph ; gij zult hen, die u naar best vermogen verheerlijken, met gunsten overladen.
Schenk de overwinning , H. Joseph , aan hen , die op u hun vertrouwen stellen, en vergeet hen niet in den laatsten en alles beslissenden strijd.
Onze Vader. Wees gegroet. Zevenmaal Glorie zij den Vader, enz. Gebed, enz. bl. 42.
46 Lofzang
ter eere van den H. Joseph. (1)
Al wie in onschuld leven en zijn levensloop met vreugde wil eindigen, roepe den bijstand van Joseph in.
Hij , die de Bruidegom was der allerheiligste Maagd, hij , die beschouwd wordt als de Vader van Jesus , hij , de rechtvaardige , de getrouwe , de zuivere Joseph, verkrijgt door zijn gebed, wat hij vraagt.
Al wie in onschuld leven enz.
Hij aanbidt het Goddelijk Kind , dat daar ligt op stroo; hij vertroost Het in de ballingschap; daarna verliest hij Het met droefheid en vindt Het weder.
Al wie enz.
De opperste Maker der wereld voedt zich van zijnen arbeid, de Zoon van den hemelschen Vader gehoorzaamt hem met onderwerping.
Al wie enz.
Hij ziet Jesus en diens Moeder b:j zich; hij
(1) Een jaar ailaat elkeu keer , dat meu dezeu lohaug rouwmoedig en godvruchtig bidt , om de machtige bescherming van den H. Joseph in leven en dood te: verwerven. (Pius VII. 6 Sept. 1804.)
47
rust in hunne armen, hij juicht en sterft; zijn dood was een zoete slaap.
Al wie enz.
Glorie zij den Vader, enz.
Al wie enz.
ANTIPHOON.
Ziedaar den getrouwen en voorzichtigen dienaar, dien de Heer over zijn Gezin heeft aangesteld.
y. Bid voor ons, II. Joseph.
K--. Opdat wij waardig worden der beloften van Christus.
LAAT ONS BIDDEN.
O God, die in uwe wonderbare Voorzienigheid U gewaardigd hebt den H. Joseph tot Bruidegom uwer allerheiligste Moeder te verkiezen, geef, bidden wij U, dat wij , die hem als beschermer eeren op aarde , hem ook tot voorspreker mogen hebben in den hemel. Gij , die leeft en heerscht met God den Vader in de eenheid des Heiligen Geestes, God in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
*7.
Noveen ter eere van den Heiligen G-eest, tot voorbereiding voor het Pinksterfeest.
(Zij begint daags na O. II. Hemelvaartsdag.) EEN WOORD VOORAF.
Ik lees o. a. als â voorwoordquot; vau eene â Noveen'3 ter eere vau deu H. Geest: (1) ,, Christeneu , vergeet uooit , iu tijden van geestelijken nood , of als voorbereiding van gewichtige gebeurtenissen uws levens eene noveen te houden ter eere van deu H. Geest. Staat gij b. v. op het punt een levensstaat te aanvaarden, â de Eerste H Communie, het H. Sacrament des Vormsels, van het Priesterschap of het Huwelijk te ontvangen, wendt u dan vol vertrouwen tot den H. Geest. â Bereidt u ook steeds op eene waardige wijze voor â door eene negendaagsche oefening â tot het genadenrijke Pinksterfeest , gelijk eertijds Maria en de Apostelen deden, en ook thans nog zeer vele Christenen doen. Vereenigt u met hen gedurende de noveen , begroet dien dag steeds met liefde, en vreugde des harten , en ontvangt dan de H. Communie ter eere vau deu H. Geest. Denkt aan dit woord van den H. Bernardus: â Vieren wij het feest der Heiligen , met hoeveel meer reden moeten wij dan het feest vieren van Hem , van wieu zij de irave der heiligwording ontvangen hebben. Vereeren wij de Heiligen, laat ons dan op de eerste plaats Hem vereeren , die hen tot Heiligen gemaakt heeft.
(1) Waterreus. Uitgave van het Missiehuis te Steil.
49
AFLATEN. De^eneu , die de negen da^en vóór Pinksteren dagelijks eeuige gebeden (uaar verkiezing) ter eere van den Heiligen Geest doen , verdienen eiken dag een aflaat van ze oen jaren en zeven qiiadragenen , en daarenboven op een date der Noveen of in de Pinksterweek, een vollen aflaat, mits zij biechten, commuLiceeren en bidden ter intentie van Z. H. den Pans. â Degenen, die ook in de Pinksterweek dagelijks eenige gebeden ter eere van den Heiligen Geest doen, kunnen nogmaals al deze aflaten verdienen. Alle zijn toe-voeglijk aan de overledenen. (Leo XIII, 5 Mei 1895.)
Voor andere tijden van het jaar zijn aan eene noveen ter eere van den H. Geest dezelfde aflaten verbonden , die blz. 7 staan opgegeven.
1* DAG.
Veni Creator,
Kom , Schepper , Heilige Geest, bezoek de zielen dergenen, die U toebehooren, en vervul met uwe genade de harten, die Gij gevormd hebt.
Gij, die de Trooster, de gave des Allerhoog-sten Gods, de levende bron , het vuur, de liefde en de geestelijke zalving genoemd wordt.
Gij zijt zevenvoudig in uwe gaven; Gij zijt de vinger van 's Vaders rechterhand ; Gij zijt de belofte des Vaders, de tongen met allerhande talen verrijkende.
Ontsteek uw licht in onze zinnen , stort uwe liefde in onze harten, versterk de zwakheden van ons vleesch met eene gedurige kracht.
Verdrijf den vijand verre van ons en geef ons n. 4
haastiglijk vrede, en dat wij onder uw geleide ontvluchten al wat ons schadelijk is.
Geef, dat wij door U den Vader en den Zoon kennen, en dat wij te allen tijde gelooven , dat Gij de Geest van beiden zijt.
Glorie zij God den Vader, en den Zoon , die van den dood verrezen is, en den Vertrooster, den Heiligen Geest, in de eeuwen der eeuwen. Am.
Gebed om de vreeze des Heeren te bekomen. (1)
Heilige Geest, Trooster der zielen, ik aanbid U als den waren God , één met den Vader en den Zoon. Ik loof U met de lofzangen der Engelen en der Heiligen.
Ik offer U mijn hart op en dank U voor al de weldaden, die Gij aan de wereld bewezen hebt en nog voortdurend bewijst. Bewerker van alle bovennatuurlijke gaven , die de ziel van de gelukzalige Maria , Moeder Gods , met overgroote gunsten verrijkt hebt, ik bid U, met uwe genade en uwe liefde in mijn hart te komen en
(1) Voor hen , die niet over veel tijd te beechikken hebben . verdeelde ik het â Gebed om de zeveu gaven van den H. Geestquot; over de zeven eerste dagen der noveen en voegde er voor de twee laatste dagen een ander gebed bij. Dit moet echter niemand beletten, om, desver kiezende , eiken dag het geheele â Gebed enz.quot; te bidden. â Hoe meer, hoe beter, mits het goed gebeurt, en er geeu wezenlijke plichten onder lijden.
51
mij te verleenen de gave uwer heilige vrees, opdat zij mij belette , wederom in de zonde te vallen, die ik vroeger bedreven heb en waarover ik U duizendmaal vergiffenis vraag.
Laten wij lohingen den Vader, en den Zoon en den Heiligen Geest.
R:. Loven en verheerlijken wij Hern in eeuwigheid.
LAAT ONS HIDDEN.
Algoede, almachtige en eeuwige God, van wien elke goede gave komt, vervul, bidden wij U, onze harten door den Geest uwer Goddelijke liefde, opdat wij in alles en boven alles U beminnen en getrouw dienen. Door Christus, onzen Heer. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.
H. Maagd Maria, onbevlekte Bruid van God den Heiligen Geest, bid voor ons !
HH. Apostelen en alle Heiligen, bidt voor ons!
OEFENING. Smeek voor elk werk vau eenig gewicht de hulp des Heiligen Geestes af en herhaal vau tijd tot tijd ; â Heilige Geest, eeuwige liefde, komen ontvlam onze harten 1quot;
2e DAG.
Kom, Schepper, Heilige Geest, bezoek enz. bl. 49.
Gebed om de ga,ve van godsvrucht.
Heilige Geest, Trooster der zielen enz. tot: en
mij te verleenen de gave van godsvrucht, opdat ik U in het vervolg ijveriger diene, spoediger uwe inspraken volge en getrouwer de geboden van Goii onderhoude.
y. Glorie zij den Vader, en den Zoon, en den H. Geest.
r. Gelijk het was enz.
LAAT ONS BIDDEN.
Wij bidden U , o Heer, dat de Heilige Geest ons ontvonke door het vuur, hetwelk Jesus op aarde heeft gebracht en dat Hij in alle harten wenscht te zien branden. Wij vragen U dit door Jesus Christus, uwen Zoon. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader , enz.
H. Maagd Maria, onbevlekte Bruid , enz.
HH. Apostelen , enz.
OEFENING. Leg er u op toe . om vandaag het Glorie zij den Vader, euz. met deu grootsten eerbied uit te spreken.
36 DAG.
Kom , Schepper, Heilige Geest, enz. blz. 49.
Gebed om de gave van wetenschap.
Heilige Geest, Trooster der zielen enz. â en mij te verleenen de gave van wetenschap, opdat ik de Goddelijke dingen wel moge erkennen en, door U verlicht, den weg mijner zaligheid steeds moge bewandelen.
53
at y. Zend , Heer , uwen Geest, uit, en alles zal
er herboren worden.
ju En Gij zult het aanschijn der aarde her
nieuwen.
3n LAAT ONS BIDDEN.
Ontvonk , o Heer, onze nieren en harten door het vuur van den Heiligen Geest, opdat wij U met een zuiver lichaam dienen en met een rein sst hart behagen. Door Christus, onzen Heer. Amen.
;us Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den
ir- Vader, enz.
dit H. Maagd Maria , enz.
HH. Apostelen, enz.
[en OEFENING. Beijver h, heden het heilig kruisteeken zoo
eerbiedig mogelijk te maken.
DAG.
Kom, Schepper, Heilige Geest, enz. bl. 49.
Gebed om de gave van sterkte.
Heilige Geest, Trooster der zielen enz. â en mij te verleenen dr. gave van sterkte, opdat ik vol moed de aanvallen des duivels en alle gevaren der wereld, die mijne zaligheid kunnen
en beletten , moge overwinnen.
xp , f. Kom, Heilige Geest, en zend uit den hemel
;en- een straal van uw licht.
lig- Kom , Vader der armen , kom , Gever der
gaven , kom , licht der harten.
54
LAAT ONS BIDDEN.
Wij bidden U, o Heer, stort genadig den H. Geest uit in onze harten, door wiens wijsheid wij geschapen, door wiens Voorzienigheid wij geleid worden. Door Christus, onzen Heer. Amen. (1)
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.
H. Maagd Maria, enz.
HH. Apostelen, enz.
OEFENING. Maak het voornemen , vandaag alle inspraken der genade getrouw op te volgen , en zeg dikwijls : â Mijn God , uw Wil geschiede.quot;
5quot; DAG.
Kom , Schepper , Heilige Geest, enz. blz. 49.
Gebed om de gave van goeden raad.
Heilige Geest, Trooster der zielen enz. â en mij te verleenen de gave van goeden raad, opdat ik altijd verkieze, wat voor mijn geestelijk welzijn het nuttigst is, en steeds de listen en lagen des duivels moge erkennen.
y. 1 ieste der Troosters, zoete Gast onzer zielen, zoete verkwikking.
li-. Gij zijl de rust bij den arbeid, de verkoeling in de hitte , de troost in de droefheid.
(1) Gebed der H. Kerk op Zaterdag vóór Pinksteren.
LAAT ONS HIDDEN.
0 God, die de harten der geloovigen door de verliehlinjï van den li. Geest hebt onderwezen, geef ons, dat wij door denzelfden Geest de ware wijsheid bezitten en ons altijd over zijne vertroosting mogen verblijden. Door Christus, onzen Heer. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz. H. Maagd Maria , enz.
HH. Apostelen , enz.
OEFENING. Denk telkens, wanneer pij gaat bidden, dat God u ziet, en doe eene verzuchtinsf tot den Heiligen Geest, die de Gever van het bidden is. Zeg b. v. â Heilige Geest, leer mij bidden !quot;
6« DAG.
Kom , Schepper, Heilige Geest, enz. blz. 49.
Gebed om de gave van verstand.
Heilige Geest, Trooster der zielen enz. â en mij te verleenen de gave van verstand, om de geheimen van God te kennen en door de betrachting der hemelsche dingen mijne gedachten en begeerten steeds meer en meer van de ijdelheden dezer ellendige wereld af te trekken.
ir. O allerzaligst licht, vervul tot in het binnenste de harten uwer geloovigen.
R--. Zonder uw invloed is er niets in den mensch wat schuldeloos is.
56
LAAT ONS BIDDEN.
Wij smeeken U , o Heer , dat de Trooster , die
van U uitgaat, onzen geest verlichte en in alle U,
waarheid onderwijze , gelijk uw Goddelijke Zoon gec
beloofd heeft. Gij , die leeft en heerscht, één met aar
den Zoon en den Heiligen Geest , van eeuwigheid stei
tot eeuwigheid. Amen. zoo
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Va- (
der , enz. Va(
H. Maagd Maria , enz. I
HH. Apostelen , enz. I
OEFENING. i)oo vaudaa? een paar malen eene kleine O
versterving ter eere van den Heiligen Geest. aan
Gees
7e DAG.
Kom, Schepper, Heilige Geest, enz. blz. 49.
j,
Gebed om de gave van wijsheid.
Heilige Geest, Trooster der zielen enzâen
mij te verleenen de gave van wijsheid, om F
door dezelve al mijne handelingen tot God, als mij
tot mijn laatste einde , te richten , opdat ik , na ik
Hem hier op aarde bemind en getrouw gediend grot
te hebben , Hem hierna , in de andere wereld , bedi
gedurende de gansche eeuwigheid moge genieten. de
T. Heilige Geest, zuiver wat bevlekt is, be- den
sproei wat dor is, heel wat gewond is. ir
tv. Buig wat trotsch, verwarm wat koud, die
breng terug wat afgedwaald is. igt;-.
LAAT ONS BIDJIEN.
Heilig'e Geest., Heiligmaker der zielen , ik bid U, bij de liefde, welke Gij Maria altijd hebt, toegedragen , en bij de getrouwheid, waarmede Zij aan al uwe genaden heeft beantwoord, ach, wil mij steeds meer met genaden en liefde vervullen , en zoo tot een geliefd kind van Maria maken. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.
H. Maagd Maria , enz.
HH. Apostelen, enz.
OEFENING. Roep heden eenisre malen de H. Maagd aan , om door hare bemiddeling de zeven gaven van den H. Geest te bekomen.
8e DAG.
Kom, Schepper, Heilige Geest, enz. blz. 4-9.
Gebed om een levendig geloof.
Heilige Geest, Trooster der zielen enz. â en mij te verleenen een levendig geloof, opdat ik mij in alle zaken niet volgens de bedrieglijke grondregelen der wereld , maar volgens het onbedrieglijk licht des geloofs gedrage, en zoodoende voortdurend in deugden en verdiensten voor den hemel toeneme.
f. Geef, o Heilige Geest, aan uwe geloovigen, die op U betrouwen ,
iv. Den heilisen schat uwer zeven traven.
LAAT ONS BIDDEN.
O God, van wien alle heilige begeerten, goede besluiten en rechtvaardige werken voortkomen, geef aan uwe dienaren den vrede, dien de wereld niet geven kan, opdat onze harten genegen zijn tot het volbrengen uwer geboden, en wij, van de vrees der vijanden bevrijd, door uwe bescherming in rust mogen leven. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.
Eb Maagd Maria, enz.
HU. Apostelen, enz.
OEFENING. Verricht vaudaas; al uwe gebeden met de grootst mogelijke aandacht en ingetogenheid.
9e DAG.
Kom , Schepper, Heilige Geest, enz. blz. 49. Gebed om een vast vertrouwen en vurige liefde.
Heilige Geest, Trooster der zielen enz. â en mij te verleenen een vast vartrouwen en eene vurige liefde, opdat ik in alle moeilijkheden onwrikbaar op den Goddelijken bijstand steunende, en door uwe liefde bezield, met een blij gemoed den goeden God altijd ijveriger dienen moge.
if. Geef, o Heilige Geest, aan uwe geloovigen de verdienste der deugd ,
K-. Een zalig uiteinde en de vreugde des hemels.
59
LAAT ONS BIDDEN.
oede q q0(| van barmhartigheid , die niets vuriger len ' wenscht, dan ons met de schatten uwer genade
IJ
'ie' te kunnen verrijken , geef, dat wij steeds heant-zlJn woorden aan de ingevingen van den Heiligen van Geest en ons vol vertrouwen en liefde door Hem 'lel' laten geleiden en bestieren. Wij vragen U dit
door Jesus Christus, uwen Zoon. Amen. ^en Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.
H. Maagd Maria, enz.
HU. Apostelen , enz.
et de OEFENING. Vraag beden eeus welgemeend : â Heer, wat wilt Gij, dat ik doe?quot; En luister dan naar hetgeen Hij u zai zeggen.
49.
efde.
- en
8.
Noveen ter eere van Jesus in het H. Sacrament, tot voorbereiding voor H. Sacramentsdag.
(Zij begint Dinsdag na Pinksteren.)
AANMERKING. Eene zeer passende voorbereiding tot dit feest bestaat in het dadelijks bijwonen der H. Mis. In het godvruchtig bijwonen der H. Mis toch bezitten wij zulk een gemakkelijk raiddel om God de hoogste glorie te geven en alle gunsten eu genaden te verwerven , die wij voor ons zelve en voor anderen van God begeeren. â
Mocht iedereen dit steeds ter harte nemen, vooral echter gedurende deze noveen en in de Octaaf van H. Sacramentsdag , die eene voorbereiding is voor het feest van 't H. Hart van Jesus.
1« DAG.
Geloofd en gedankt zij elk oogenblik het Allerheiligste en Allergoddelijkst Sacrament. (1)
Akte van geloof en dankzegging.
Heer Jesus Christus, waarachtig God en mensch, ik geloof, dat Gij in het Allerheiligste Sacrament
(1) Een aflaat van 100 dagen, eens per dag. Een aflaat van 100 dagen, driemaal per dag, op alle Donderdagen des jaars , alsmede ouder de octaaf van H Sacramentsdag. Een vollen aflaat â onder de gewone voorwaarden â voor wie het eene maand lang eiken dag zal gebeden hebben. (Pius VII. 30 Juni 1818;.
61
des Altaars onder de gedaante van brood en wijn waarlijk tegenwoordig zijt, met ziel en lichaam, en ik aanbid U nederig als mijn Heer en mijn God. â 0 , mocht ik U aanschouwen, beminnen , loven en verheerlijken, gelijk zoovele duizenden Engelen U met de grootste vreugde aanschouwen , beminnen , loven en verheerlijken in den hemel!
Welk eene dankbaarheid ben ik U, lieve Jesus, daarvoor verschuldigd, dat Gij ter liefde van mij uit den hemel gedaald zijt, dat Gij U op het kruis voor mij hebt opgeofferd en nog voortdurend in dit H. Sacrament voor mij tegenwoordig blijft, tot een eeuwig aandenken uwer liefde ! Wat zou ik ondankbaar en ongelukkig zijn , als ik deze liefde niet met wederliefde vergold !
Heschouiving. LieMe van Je sus in het Allerheiligste Sacrament.
Goedheid, liefde is het eigenaardig kenmerk van Jesus Christus. God is liefde. Maar nergens toont Hij ons meer liefde , dan in het H. Sacrament. Wat al mirakelen heeft Hij gedaan en doet Hij nog dagelijks, om onder ons te kunnen wonen ! Hij put Zich uit in liefde. ... En waarom ? Om ons, om mij in het bijzonder, te toonen, met welk eene vurige, brandende liefde Hij mij bemint. En wat verlangt Hij daarvoor
62
van mij ? Wat anders, dan dat ik Hem weder-keerig berninne ? Liefde om liefde ! . .
O Jesus, Gij , die de liefde zelf zijt, geef mij liefde, eene vurige, eene brandende liefde.
H. Maagd Maria, alle Engelen en Heiligen, helpt mij Jesus in het Sacrament zijner liefde beminnen , loven en verheerlijken. Ik bemin U , allerliefste Jesus ! Ik bemin U, oneindige goedheid ! Ik wensch U altijd meer te beminnen. Mochten alle menschen U kennen en beminnen !
Geestelijke Communie.
Lieve Jesus, Gij wenscht zoo vurig, U met ons te vereenigen in de H. Communie ; doch daar ik U thans niet wezenlijk ontvangen kan , zoo kom ten minste op eene geestelijke wijze in mijn hart. Ik omhels U, alsof ik U wezenlijk ontvangen had ; ik bemin U en vereenig mij zoo nauw mogelijk met U. Laat toch niet toe , lieve Jesus, dat ik ooit door de zonde van U gescheiden worde.
2» DAG.
Geloofd en gedankt, enz. bl. 60.
Akte van geloof en dankzegging, bl. 60.
Heer Jesus Christus, enz.
Beschouwing. Edelmoedige liefde.
« Zóó lief heeft God den mensch gehad, dat Hij zijnen eenigen Zoon gegeven heeft en zóó
*
03
lief heeft Jesus ons gehad , dat Hij Zich geheel voor ons heeft geslachtofferd, Zich geheel aan ons geeft. Hij is onze gezel geworden bij zijne geboorte , onze losprijs bij zijnen dood ; Hij is ons voedsel in het H. Sacrament, en Hij zal onze glorie zijn in den hemel .... Hij geeft Zich aan iedereen , die Hem wil ontvangen . . . Hij geeft Zich eiken dag.... Hij geeft Zich geheel, met alles wat Hij heeft, met alles, wat Hij is. . . O liefde ! onbegrijpelijke liefde ! Wat zal ik mijnen Jesus kunnen weigeren ? , .
O Jesus, ik sta beschaamd, als ik zie, hoezeer Gij mij bemint, en hoe weinig ik U tot hiertoe bemind heb. Maar, lieve Jesus, ik bid U, verander mijn hart en geef, dat ik voortaan van liefde tot ü brande en U niets meer weigere. Ik maak het voornemen, zoo dikwijls en zoo eerbiedig mogelijk het H. Sacrificie der Mis bij te wonen.
H. Maagd Maria , alle Engelen enz.
Geestel. Communie, hl. 62.
3e DAG.
Geloofd en gedankt, enz. bl. 60.
Akte van geloof en dankzegging, bl. 60.
Heer Jesus Christus, enz.
Beschouiving, Standvastige liefde.
« Ik zal bij u blijven tot het einde der eeuwen.
.
64
Ik zal u niet ais weezen achterlaten. Ik zal tot er;
u komen.quot; . . . Wie anders kon zoo spreken, dan ga
Je.sus , de God van liefde ?. . . En toch voorzag Zc
Hij , hoe slecht wij aan zijne liefde zouden be- to
antwoorden. Hij komt om ons gezelschap te hou- 01
den, en wij laten Hem alleen .... Hij komt om w
ons met weldaden te overladen en wij toonen ons bi
daarvoor onverschillig .... Hij wil, in één woord, V(
ons gelukkig maken, en wij minachten, wij be- ^
leedigen Hem .... Jesus blijft intusschen en t
dwingt ons , als 't ware , door zijne liefde , Hem z wederliefde te schenken. â Wat zullen wij doen ?
Lieve Jesus, ik vraag U van harte vergeving . u
voor onze verregaande onverschilligheid en onze 1
beleedigingen. Doch nu ga ik mij beteren, ik i
wil aan uw vurig verlangen voldoen en U dik- 1
wijls in uw H. Sacrament bezoeken.
H. Maagd Maria, alle Engelen enz.
Geestelijke Communie, hl. 62.
4quot; DAG.
Geloofd en gedankt, enz. hl. 60.
Akte van geloof en dankzegging, bl. 60. Heer Jesus Christus, enz.
Beschouwing. Geduldige liefde.
Jesus is geduldig, omdat Hij goed is; Hij verdraagt veel, omdat Hij veel bemint. En wat heeft Jesus al niet te verdragen in zijn H. Sa-
65
.
tot crament ?! Onverschilligheid, minachting, verre-
flan gaande onearbiedigheid , heiligschennissen ! 1.. .
â¢zag Zoo wordt dan datgene, wat alle harten van liefde
he- tot Jesus moest doen branden, juist het middel
ou- om dien goeden Zaligmaker op de schromelijkste
om wijze te beieedigen. En Jesus blijft en zwijgt en
ons bidt zelfs voor zijne beleedigers, en draagt Zich
ird, voortdurend als slachtoffer aan zijnen hemelschen
be- Vader op, opdat zij tot inkeer zouden komen, en
en Hij alzoo ook over hen de schatten zijner genade
em zou kunnen uitstorten.
n ? Lieve Jesus, ik dank U voor het onuitputtelijk
ng . geduld, dat U, in weerwil onzer ondankbaarheid,
ize bij ons doet blijven in het H. Sacrament. Ik
ik maak het vaste voornemen , U niet meer te
k- beleedigen, maar U veel en vurig te beminnen.
H. Maagd Maria, alle Engelen enz.
Geestelijke Communie, bl. 62.
5quot; DAG.
Geloofd en gedankt, enz. bl. 60.
Akte van geloof en dankzegging, bl. 00.
Heer Jesus Christus , enz.
lieschoitwing. Werkdadige liefde.
| Wat doet Jesus in het Sacrament zijner liefde ?
it Hij bemint ons, Hij is aanhoudend voor ons
I
66
welzijn bezorgd, Hij bidt voor ons, Hij is de rot
goede Herder. Hij waakt over zijne schapen; pn
Hij beschermt en verdedigt hen; Hij voedt hen tei
met zijn H. Vleesch en Bloed ; Hij bestiert hen tet
en geleidt hen naar den hemel.....Hij roept uit: aa
«Komt allen tot Mij, die belast en beladen zijt...!quot; wt
Gelukkig zij , die aan zijne teedere uitnoodiging ve
gehoor geven en geen beletsel stellen aan zijne hc
liefde 1 Bij Hem moeten de zondaars bekeeren en w de deugdzamen heilig worden.
Ik kom , lieve Jesus, en geef mij geheel aan Ie
uwe liefde over. Doe met mij, wat Gij wilt. Si Trek mij immer meer tot U en geef, dat ik . tc
altijd met U vereenigd blijve ! g
H. Maagd Maria , alle Engelen enz. n
Geestelijke Gommunie. bl. 62.
6° DAG.
Geloofd en gedankt, enz. bl. 60.
Akte van geloof en dankzegging, bl. 60.
Heer Jesus Christus, enz.
Besvhomving. Gehoorzame liefde.
Jesus Christus was tot den dood toe gehoorzaam aan zijnen hemelschen Vader. In zijn H. Sacrament gaat Hij nog verder, daar gehoorzaamt Hij aan eiken priester. Hij komt, als deze Hem
|
67
roept; Hij laat zich ter aanbidding uitstellen, in processie ronddragen of in het tabernakel opsluiten, al naar deze het wil. â Jesus spreekt niet
tegen----Hij laat zich geven aan allen, die zich
aanbieden. Daar nadert een huichelaar, een nieuwe Judas, om Hem aan zijn doodvijand, den duivel , over te leveren .... En Jesus zwijgt en gehoorzaamt .... O liefde, gij hebt mijn Jesus overwonnen ! . ..
Jesus, lieve Jesus, ik dank U voor de verheven les van gehoorzaamheid , die Gij mij in uw H. Sacrament geeft. Hadde ik toch altijd zoo weten te gehoorzamen ! Doch nu ga ik mij beteren; geef mij daartoe uwe genade. Gehoorzame Jesus, maak mij volmaakt gehoorzaam.
H. Maagd Maria, alle Engelen enz.
Geestelijke Communie, hl. 62.
7e DAG.
Geloofd en gedankt, enz. hl. 60.
Akte van geloof en dankzegging, bl. 60.
Heer Jesus Christus, enz.
Jieschouwing. Arme liefde.
Jesus, de God van macht en majesteit, wien alle schatten van hemel en aarde toebehooren, heeft Zich â uil liefde â van alles ontdaan, en blijft in de grootste armoede en verlatenheid onder ons
G8
wonen. Hem, die naar welgevallen over de schatten der aarde beschikt en in aller behoeften voorziet, Hem weigert men huisvesting bij zijne geboorte, een druppel water bij zijnen dood !. .. Die armoede heeft Jesus gewild, en Hij prijst haar zalig. Maar er is eene andere, die Hem zeer bedroeft; Een ware vriend is de rijkste
schat der aarde____ Jesus bedelt om onze liefde....
Zullen wij Hem tevergeefs om ons hart laten bedelen ?... En hoe staat het met de versiering zijner kerken en altaren ? ...
Mijn Jesus, ik wil U troosten in uwe armoede. Was ik rijk , ik zorgde voor eene passende versiering van uw Huis. Doch wijl ik dit niet kan, wil ik mijne armoede, uit liefde tot U, met geduld verdragen ; en ik schenk U, wat Gij vooral verlangt, mijn hart. Bezit het geheel, onverdeeld, voor altijd.
H. Maagd Maria, alle Engelen enz.
Geestelijke Communie, bl. GS.
8« DAG.
Geloofd en gedankt, enz. bl. 60.
Akte van geloof en dankzegging, bl. 60.
Heer Jesus Christus, enz.
Beschouwing. Zuivere liefde.
Jesus, het Brood der Engelen , de Wijn , die maagden voortbrengt, de Bruidegom der maagden
69
en hare kroon, Jesus, de Zoon der allerheiligste Maagd Maria, de God van heiligheid , blijft bij ons en wil in ons hart rusten. Wie verkoos Jesus hier op aarde tor. zijne innigste vertrouwelingen ? Maria, Sint Joseph en Joannes.... Hoe zuiver behoort hij te zijn, op wiens tong en in wiens hart de driewerf heilige God wil rusten ! ... Wat een smaad voor Jesus, te moeten nederdalen in een hart, overgegeven aan de zonde van onzuiverheid !. ..
Heilige Engelen, zuivere geesten, die onophoudelijk den Koning der heerlijkheid omringt, mocht gij toch zulk een gruwel voorkomen ! . . .
O Jesus, onbevlekt Lam, die uw vermaak vindt in het midden der leliën, maak mij gansch zuiver. Sterk mij in alle bekoringen tegen die teedere, maar schoonste der deugden , opdat ik U steeds behage en tT eenmaal in al uwen luister zien moge.
H. Maagd Maria, alle Engelen enz.
Geestelijke Communie, bl. 62.
9« DAG.
Geloofd en gedankt, enz. bl. 60.
Akte van geloof en dankzegging, bl. (gt;(gt;.
Heer Jesus Christus, enz.
Beschouwing. Ootmoedige liefde.
Heeft Jesus zich vernederd in zijne mensch-
70
wording; welken naam dan geven aan zijne vernedering in het H. Sacrament des Altaars? In zijn sterfelijk leven toch vertoonde Hij van tijd tot tijd zijne rnacht, zijne wijsheid, zijne glorie. Maar hier ? . . . Kon zijne vernedering verder gaan ? . . . Wat zeggen mijne zintuigen bij het zien der H. Hostie ? . . . En wat zegt mij het geloof' ?... Oneindige grootheid , macht en majesteit ! en oneindige vernedering !.. . Hij verbergt zijne macht, zijn luister! Hij wil zelfs niet, dat de Engelen, die steeds zijn hofstoet uitmaken, zich aan onze blikken vertoonen , uit vrees, dat wij afgeschrikt zouden worden, van tot Hem te naderen ! â O liefde, o vernedering ! « En waarom dit alles , lieve Jesus ?quot; « Om u, o mensch, mijne liefde te toonen, om uwe liefde te winnen!quot;
Heer Jesus, God van liefde, ik sta beschaamd over mijne koelheid en onverschilligheid; maar meer nog over mijnen hoogmoed. Vergeving, Heer, vergeving ! O Jesus , zachtmoedig en ootmoedig van Harte, maak mijn hart gelijk aan het uwe. (1).
H. Maagd Maria, alle Engelen enz.
Geestelijke Communie, bl. 62.
----â-
(1) 300 dageu atlaat, eeus daags. (Pius IX. 25 Jau. 1868.)
9.
Noveen ter voorbereiding voor het feest van het Hart van Jesus.
(Zij heg int daags vóór H. Sacramentsdag. (1)
AANMERKING. Het feest van het H. Hart is op uitdrukkelijk verlau^eu van Jesus zelf ingesteld , le tot dankzegging voor de weldaad van het H. Sacrament des Altaars, 2e tot eerherstel voor de heleediginsren , die Hem in zijn heilig Liefdegeheini worden aangedaan, 3e tot vergoeding voor de verlatenheid en oneerbiedigheid in vele kerken.
Liefde dus en eerherstel , ziedaar wat Jesus vooral van ons vraagt. Beijveren wij ons derhalve aan zijn vurig verlangen te voldoen; de rijkste tijdelijke en geestelijke zegeningen zullen daarvoor het loon zijn. Herinner u slechts, welke heerlijke beloften Hij aan zijne vereerders doet.
Het is raadzaam gedurende de noveen eiken dag eene kleine versterving te doen, de H. Mis bij te wonen, als men kan, en dikwijls door den dag een schietgebed te herhalen b. v. O Jesus , zachtmoedig en ootmoedig van Harte, maak mijn hart gelijk aan het uwe. Of: Zoet Hart van mijn Jesus , maak , dat ik U altijd meer en meer beminne.
(1) Desverkie/ende kan men ook op H. Sacramentsdag beginnen, om op den feestdag van het H. Hart zelf te eindigen.
Wat de Aflaten betreft, behoort de Noveen tot het H. Hart van Jesus onder die, voor welke de Aanmerking op blz. 7 geldt.
72
1quot; Dag. heid
zijne
Mose het H. Hart van Jesus alom bemind .
c gelu
worden. (1) beu]
Zoet Hart van mijn Jesus, maak, dat ik U altijd ^ ^ meer en meer beminne ! (2)
zijni
« De liefde van Jesus dringt ons,quot; zegt de H. der
Paulus. Ja, zij dringt ons, Hem wederkeerig wil
te beminnen, die ons het eerst heeft liefgehad. sch
â En hoe heeft Jesus ons bemind ? Met eene A
onbegrijpelijke, eene oneindige liefde. Zijn H. zeb
Hart wordt, als het ware, van liefde tot ons ver- sm:
teerd. Ha
De bewijzen daarvan zijn ontelbaar en des te te
krachtiger, naarmate zij Jesus meer gekost heb- lijd
ben. â Waar nu is Hem die liefde zijns Har- mi
ten duurder te staan gekomen , dan in zijn hei- aai
lig lijden ? â Denken wij hieraan dikwijls: en Go
Hij zal ons daarvoor met een schat van genade nis
beloonen. â Schenken wij Hem dien troostten lie
minste gedurende de negen dagen, die het feest liji
van zijn H. Hart voorafgaan. lo(
« Jesus begon bedroefd te worden,quot; zegt de ge Evangelist. Hij wilde die gevoelens van droef-
' al
(1) 100 dagen aflaat, eens daags. (Pius ÃX, 23 Sep- U tember 1860.) £)
(2) 300 dajjen aflaat telkens. (Pius IX, 26 Nov. 1870.)
heid laten doordringen tot zijne ziel, die , met zijne Godheid vereenigd, noodzakelijk volmaakt gelukkig was. â Jesus zou toestaan, dat de beulen hunne woede en razernij op zijn H. Lichaam botvierden ; maar zij vermochten niets op zijne H. Ziel. En nu laat Hij door een overmaat der verhevenste en edelmoedigste liefde toe, en wil Hij , dat zijne ziel hare bijzondere en onbeschrijfelijke foltering zal doorstaan. . .
Verbazingwekkend wonder ! Jesus, de onschuld zelve, doet als het ware een mirakel om zijne smart te vergrooten ; en zoo wordt zijn Goddelijk Hart zijn eigen beul!.. O Jesus, Gij doet alles om te kunnen lijden, en ik, die om zoovele redenen lijden en straffen verdiend heb, ik wend alle middelen en somtijds zelfs ongeoorloofde middelen aan, om het geringste lijden te ontkomen! O Goddelijk Hart van Jesus, deel mij toch een weinig van uwe edelmoedigheid en uwe brandende liefde mede. Leer mij de waarde van kruis en lijden kennen ; geef, dat ik ze steeds uit het geloof beschouwe, en ze, geholpen door uwe genade, met geduld verdrage.
Geef mij vooral , o Goddelijk Hart, dat ik U altijd beter kenne en vuriger beminne. Kon ik U beminnen voor allen, die U niet beminnen. Doe U door alle menschen kennen en beminnen 1
Heilige Maagd Maria, Moeder van Jesus en ook
74
de mijne, Gij zijt alvermogend op zijn H. Hart; zoo
o, vraag dan toch voor mij, vraag voor allen, die Gij .
naij dierbaar zijn en voor wie ik verplicht ben te heb
bidden, eene vurige, edelmoedige liefde totJesus' mai
Goddelijk Hart. E
H. Joseph , vertrouweling van Jesus' H. Hart, sms
verkrijg ons een vonkje uwer liefde. t
Alle Engelen en Heiligen , verwerft ons eene van
ware godsvrucht tot het Goddelijk Hart. sch
O Jesus, zachtmoedig en ootmoedig van Harte, zijr
maak mijn hart gelijk aan het uwe. bec
2e DAG. der
En
Moge het H. Hart van Jesus alom bemind worden. ^u:
Zoet Hart van mijn Jesus, maak, dat ik U altijd vai
meer en meer beminne. (]0i
Toen zeide Jesus : « Mijne ziel is bedroefd tot ovi
den dood toe.quot; Zóó hevig is zijne droefheid, ha
dat Hij niet kan nalaten , ze aan zijne vertrou- he welingen te openbaren. â Weinig is er noodig
om een kleinmoedig, een gewoon menschenhart w:
neer te slaan ; maar welk een lijden is er niet hc
noodig geweest, om dien Reus van iefde â als G:
ik het zoo zeggen mag â dat vurige Hart, dien vc
Godmensch , bekleed met alle macht van boven, oc
als te verpletteren ! . . . G
« Mijne ziel is bedroefd tot den dood toe.quot; 01
Geheimnisvolle woorden ! ... O Jesus , Gij , die n
75
it; zoo vurig hebt verlangd naar het uuruws lijdens; die Gij, die het drie en dertig jaren lang voor oogen i te hebt gehad , Gij beeft en zijt beangst. .. Wat us' mag toch de reden zijn uwer bittere droefheid ?
Een God, zoodanig bedroefd, dat Hij van rt, smart zou kunnen sterven. . . .
Het geloof antwoordt mij: « De zonde is daar-ne van de oorzaak.quot; Jesus zag haar in al hare afschuwelijkheid ; zij stond in al hare boosheid voor te, zijne oogen. Hij telde al de misdaden, die er bedreven waren , bedreven werden en nog zouden bedreven worden... Hij zag ook de mijne... En met dat onnoemelijk getal zonden zag Hij Zich beladen ; Hij had op Zich genomen, daar-J van de straf te dragen , Hij wilde er voor vol
doen ; en niet slechts ten halve, maar geheel, ot overvloedig, bovenmate... Welnu, het is het 1, hart, dat het eerst gezondigd heeft; het is daarom j- het Hart, dat het eerst de straf ondergaat, ig Nu begrijp ik mijn goeden Meester: Zijn Hart
rt was hier zijn Kalvarieberg ! . . . O Goddelijk Hart, jt hoe duur komen U onze ongerechtigheden te slaan '
Is Gij lijdt onbeschrijfelijke folteringen, en zulks n voor ons, voor mij.... En zouden wij dan nog
, ooit de oorzaak van uw lijden kunnen vernieuwen ?
Gedoog zulks niet, lieve Jesus. Geef mij , geef ons allen, een waar berouw en de genade van U e nooit meer te vergrammen.
76
Geef mij vooral, o Goddelijk Hart, enz. bl. 73.
H. Maagd Maria, enz.
H. Joseph , enz.
Alle Engelen en Heiligen , enz.
0 Jesus , xachtmoedig , enz.
3« DAG.
Moge het H. Hart, enz.
Zoet Hart van mijn Jesus, enz.
« Mijne ziel is bedroefd tot den dood toe.quot; â Hoe kon het anders ? Jesus stelt zich één voor één al de ongehoorde smarten voor, die Hem â wachten; één voor één al de vernederingen, die men Hem zal aandoen: het witte kleed, dat Hem als een dwaas moest voorstellen ; zijne wreede geeseling ; zijne kroon van doornen ; zijn kruis ; de nagelen ; de lans ; de gal; den azijn ; dat alles stelt Hem zijne onbedrieglijke verbeelding met de levendigste kleuren voor . . . Weihoe ! is dat dan het loon voor drie en dertig jaren van weldaden en liefde ? . .. En wie zullen mijne beulen zijn?... Mijn eigen volk, mijne eigen kinderen; de kinderen mijns Harlen !. .. En Ik zal niettegenstaande zooveel liefde, zooveel tranen, zooveel verguizingen, die dierbare zielen voor eeuwig zien verloren gaan !. ..
Wat een doodelijke slag voor een hart als het zijne!... Wie kan zulk eene foltering begrijpen ?
I
77
Hij, en hij alleen, die de liefde begrijpt van zijn Goddelijk Hart!.. . Mij dunkt, ik hoor mijn Jesus zuchten : « Al wat Ik geleden heb en nog lijden zal, ja, ware het mogelijk, nog oneindig veel meer, zou Ik gaarne verduren, als Ik wist, dat allen zich mijn lijden en dood ten nutte zouden maken.quot;
Zóó bemint Jesus de zielen ! Zóó bemint Hij mij ! Zooveel doet Jesus, om mijne ziel zalig te maken ; en zal ik er niets voor doen ? ... Waardoor heb ik Jesus doen lijden ? Wat brengt mijne zaligheid in gevaar ? ... Heer, wat wilt Gij, dat ik doe ?
O edelmoedig Hart van mijn Jesus, ontferm U mijner! Geef, dat ik U niets weigere! Ontferm U ook over alle arme zondaars ; schenk hun de genade, om hun rampzaligen toestand in te zien en daaruit op te staan , en zoo uw lijdend Hart den grootsten troost te verschaffen. â Hart van Jesus in doodsstrijd, ontferm U over mij, ontferm U over de zondaars, inzonderheid over de stervenden !
Geef mij vooral, enz. bl. 73.
4quot; DAG.
Moge het H. Hart, enz.
Zoet Hart van mijn Jesus, enz.
« Bedroefd tot den dood.quot; Ja, eene doodelijke
'8
droefheid overweldigt zijn Goddelijk Hart; eene droefheid, door niets te verzachten, door niemand te lenigen. De Hemel toont zich onverbiddelijk , en de aarde biedt Hem slechts doornen, smart en lijden aan. â O opperste Goedheid, hebt Gij U dan geen enkelen vriend gemaakt, in al den tijd , dat Gij onder de menschen verkeerd hebt ? ... Een hart, dat ons begrijpt en zich ons lot aantrekt, een vriend, is een balsem voor elke smart. Jesus heeft niemand , die Hem troost... Gij , blinden , lammen , bezetenen , melaatschen, die aan Jesus uwe genezing te danken hebt, waar zijt gij nu ? . . . Maria , lieve Moeder van Jesus , waar zijt Gij ? . . . Kom toch uw Zoon , ter prooi aan de bitterste droefheid, vertroosten. Petrus, Jacobus en Joannes, och, snelt gij Hem ten minste ter hulp ! Troost uw goeden Meester in zijn onuitstaanbaar zieleleed !.. Helaas , zij slapen !. . En mijn Jesus is alleen , met zijne smart!... Jesus alleen!... Hij denkt aan iedereen , en niemand bekommert zich om Hem . ..
En helaas! wat in den hof van Olijven gebeurde , hernieuwt zich eiken dag ;n het heilig Tabernakel! O , die verlatenheid valt Hem zoo hard!. . Hij wil allen gelukkig maken, en men weigert Hem dien troost; men laat Hem alleen !.. De liefde van zijn Goddelijk Hart ontrukte Hem
79
op zekeren dag, dat Hij Zich aan de Gelukzalige Margareta Maria vertoonde, deze teedere klacht; «Ziehier het Hart, dat de menschen zoozeer heeft hemind, dat Het niets gespaard en Zich geheel uitgeput heeft, om hun te toonen , hoezeer Het hen bemint. En tot helooning daarvoor ontvang ik van de meesten slechts ondank ; want zij verachten Mij in dit Sacrament van liefde, zijn oneerbiedig, lauw en onverschillig jegens Hetzelve en ontvangen Het op heiligschennende wijze...quot;
Vergeving, Heer Jesus, voor onze onverschilligheid , onze oneerbiedigheden en heiligschennissen. In het vervolg, lieve Jesus, wil ik uw Goddelijk Hart zooveel mogelijk troosten. Ik wil U dikwijls bezoeken, vol liefde ontvangen en mij met den grootsten eerbied in uwe tegenwoordigheid gedragen. Geef, dat ik aan dit voornemen getrouw blijve.
Geef mij vooral, enz. bl. 73.
5® DAG.
Moge het H. Hart, enz.
Zoet Hart van mijn Jesus, enz.
« Vader, indien het mogelijk is, laat deze kelk Mij voorbijgaan.quot;
O wat is het bitter, te beminnen, zooals Jesus bemint, en niets te vinden dan ijskoude har-
80
ten! â te beminnen en van liefde te sterven voor menschen, die zich niet verwaardigen, aan zijne liefde, aan zijn dood te denken ! .. O liefde van Jesus 1 â O onverschilligheid en ondankbaarheid der menschen ! . .
Heb ook ik zijne liefde niet met onverschilligheid, met ondank vergolden ? Heb ik Hem geen kelk aangeboden, bitterder dan al het lijden, dat de Joden Hem zouden aandoen ? .. Die kelk, waarvan Jesus smeekt, verlost te worden , is mijn hart.. .
Het is mijne onverschilligheid , mijne oneerbiedigheid ten opzichte van het H. Sacrament zijner liefde . . . Het zijn mijne ongetrouwheden ,.. die gelegenheden van zonden, die ik niet wil vermijden . . .
Die kelk van Jesus is die gevaarlijke lezing, dat slechte boek, waaraan ik niet wil verzaken ... Die kelk ... het is die noodlottige vriendschap, die ik niet wil afbreken ... Het zijn die gezelschappen , waar gezag, geloof en goede zeden gevaar loopen . .. het zijn die slechte , misschien zondige gewoonten ....
Jesus bidt. . nu niet tot zijnen hemelschen Vader, neen, Hij wendt Zich op dit oogenblik tot mij met de hartroerende bede: «Dierbare ziel, die Mij zooveel gekost hebt, laat, och laat die kelk Mij voorbijgaan! Bespaar mijn Hart
81
dat grievend leed ! Ik vraag U dit offer in naam mijner liefde; ik vraag het u voor uw eigen welzijn.... Kon ik U toch gelukkig maken !.. Antwoord Mij ; Wat heb Ik toch voor u kunnen doen, dat Ik niet gedaan heb ? Ach , bedroef Mij dan toch niet langer ! Toon mij slechts uw goeden wil; mijne genade is alvermogend; zij kan zelfs het zwaarste offer licht en gemakkelijk maken !quot;
O Goddelijk Hart, wie zou aan zulk eene beiie, aan zooveel liefde kunnen wederstaan ? . . . Neen , Heer, ik kan, ik wil niet langer weerstand bieden ! Ik vraag U van harte vergeving over mijne onverschilligheid, mijne verblindheid, mijne ongetrouwheden, en breng U thans het offer van alles , wat een kelk van bitterheid voor U is, en mijne ziel in gevaar brengt. â Maar, lieve Jesus, ik ben zoo zwak; ondersteun mij daarom met uwe genade , en ik zal doen , wat Gij van mij verlangt.
Geef mij vooral, enz. hl. 73.
(i0 DAG.
Moge het H. Hart, enz.
Zoet Hart van mijn Jesus, enz.
«Vader, niet mijn, maar uw Wil geschiede!quot;
Jesus zag dan op dit oogenblik al de smarten, die Hij zou moeten ondergaan ; Hij zag die alle n. 6
82
te gelijk, met al de omstandigheden, die dat lij- C
den ontzettend zouden verzwaren. Hij zag mij
Zich zeiven als den « Verachtequot; , als den « Man hel
van smartenquot; , door God geslagen en vernederd, j^qo
verwond om de ongerechtigheden der menschen, en
en om hunne misdaden verbrijzeld ! . . . Hij zag, Wi
hoe velen er ondanks al dat lijden nog zou- zai
den verloren gaan.. . En Hij bidt: « Vader, alles hij
is U mogelijk, neem dezen kelk van Mij weg; (
doch niet mijn, maar uw Wil geschiede! ge\
O Goddelijk Hart, dank voor de verheven les, sm;
die Gij ons hier, in uwe goedheid, wederom geeft. (j0(
â « Vader, uw Wil geschiede !quot; dat is de leus mij
van den waren Christen , de kreet der ziel , die eel-
God meer bemint, dan wat ook ter wereld. ge 1
Welk oiler die Wil mij oplegt, het is altijd de Wil hij
van een teederen Vader, van een oneindig goeden we
en wijzen God. uw
Wat kan ik beter vragen, dan dat zijn aan- ( biddelijke Wil ten opzichte van mij en allen,
die mij dierbaar zijn , geschiede ? . . .
De eerste beweging, de grootste behoefte van een rechtgeaard hart is, den Wil te beminnen, den Wil te raadplegen, van Hem, die alles
kan, wat Hij wil, die niets wil dan wat goed, di,
dan wat het beste is, en die ons zoozeer bemint, ga dat Hij zich voor ons heil heeft geslachtofferd !
he
83
O ja, Jesus kent mijn gevaarlijksten vijand : mijn eigen wil. Deze toch heeft den sleutel der hel en van alle ondeugden. â Het is derhalve hooge wijsheid, dien eigen wil te onderw-erpen en gevangen te houden onder de wet en den Wil van den driewerf heiligen God. Die H. Wil zal bovendien voor mij nooit zoo hard zijn, als hij het was voor zijn beminden Zoon.....
O Goddelijk Hart van Jesus, maak, dat ik de gewichtige les, die Gij mij hier onder zooveel smarten geeft, nooit vergete. Geef, dat ik uw Goddelijk voorbeeld navolge ; dat ik in den wil mijner ouders en oversten uwen Goddel ijken Wil eerbiedige en volbrenge; dat ik al, wat met de gehoorzaamheid strijdt, schuwe en vermijde, en bij al het leed , wat mij ooit moge overkomen, welgemeend zegge : « Vader , niet mijn , maar uw Wil geschiede !quot;
Geef mij vooral, enz. bi. 73.
7e DAG.
Moge het H. Hart, enz.
Zoet Hart van mijn Jesus, enz.
En Jesus zeide : « Indien Ik het (dus) ben, dien gij zoekt, laat dozen (mijne Apostelen) gaan.quot;
Jesus heeft Zich â ons ten voorbeeld â door het gebed tot het lijden voorbereid; Hij heeft
84
Zich geheel aan den Wil zijns hemetschen Vaders overgegeven; Hij heeft zijnen Apostelen op het hart gedrukt, te waken en te bidden ; Hij heeft nog door een laatste mirakel getoond, dat Hij geheel vrijwillig, uit liefde tot ons , het vreese-lijkste lijden en den dood zal ondergaan... Thans geeft Hij een nieuw bewijs van zijne macht en van de vaderlijke zorg, die Hij voor de zijnen heeft. Hij wil niet, dat aan iemand ter oorzake van Hem, eenig leed overkome. « Indien Ik het (dus) ben, dien gij zoekt, laat dezen gaan.quot;
O teedere bezorgdheid van zijn Goddelijk Hart !.. Wat Hij hier voor enkelen doet, vernieuwt Hij voor allen, omdat alle zielen Hem gelijkelijk dierbaar zijn. En zoo Hij , in een zoo hachelijk oogenhlik , Zich zeiven vergeet, om slechts te denken aan de veiligheid van hen, die Hem weldra zouden verlaten, zal Hij dan nu, glorierijk in den hemel en slachtoffer van liefde op het altaar, ophouden over zijne lievelingen te waken?...
Onmogelijk ! ,. .
Mij dunkt, lieve Jesus, ik hoor U zeggen: « Vrees niet, mijn kind ; heb vertrouwen. Ik waak over u. â Herinner u, al wat Ik voor u gedaan en geleden heb. Denk aan de middelen van zaligheid, die Ik u heb geschonken; aan de genade, waarmede Ik u heb vervolgd , toen gij Mij beleedigdet ; aan die, waarmede Ik u overlaad,
-!-
85
(:]ers sinds gij Mij wilt beminnen I . . . Wat moogt gij
het niet verwachten , als gij getrouw zijt 1... . Wat
ieeft hebt gij te vreezen, als ge bij Mij blijft?.... Ik
Hij bemin u zoo teeder, en mijn Goddelijk Hart is
.ese. getrouw in zijne liefde ....
hans Dierbare Zaligmaker, dank voor die troostrijke
t en woorden ; dank voor zooveel barmhartigheid ; dank
jnen V001' aquot;es gt; wa'; Gij voor mij gedaan hebt. ...
«ake Ik vraag U vergeving over het mistrouwen ,
Ik waaraan ik mij ooit heb overgegeven. Ik wil U
a,1 quot; voortaan door een kinderlijk en onbegrensd ver-
i trouwen verheerlijken. â Geef mij de genade
pjy om aan dit voornemen getrouw te blijven.
jlijk Geef mij vooral , enz. bl. 715.
?liJk 8« DAG.
s te
wel- Moge het H. Hart, enz.
irijk Zoet Hart van mijn Jesus , enz.
al_ « En zijn hoofd buigende gaf Hij den geest.quot;
i?_ Het is mij onmogelijk, thans stil te staan bij alles, wat Jesus â uit liefde tot ons, vergeten wij
â en ; dit niet â gedaan en geleden heeft.
Hij stelde het H. Sacrament des Altaars in....
ir u Hij was bedroefd tot den dood.... Hij liet Zich
3]en gevangen nemen , geeselen, met doornen kronen,
(|e ter dood veroordeelen. . . .
gij Hij droeg zijn kruis, liet er Zich aan vast naiad, gelen en stierf in de bitterste smarten.... Ik
86
herhaal het: vergeten wij niet, dat Hij dit alles gij
deed en leed uit liefde tot ons. â Weihoe, zou- gij
den wij hier met recht kunnen vragen , zoo niet hap
eene droevige ondervinding ons geleerd had, (
zou het mogelijk zijn, zulk eene liefde te vergeten?.. hee
O Jesus, behoed ons allen voor zulk eene zwarte ge]
ondankbaarheid ! .. . Laat ons , om dat ongeluk die
te voorkomen , nog eenige oogenblikken wijden ook
aan de beschouwing van zijnen dood. bes
« En zijn hoofd buigende gaf Hij den geest.quot; ont
O diep geheim ; mijn God sterft! . . Eerst dan voc
zult gij dit begrijpen, als gij zijne liefde begrijpt... voc
Het is de liefde, die Hem doet sterven , en gij, wa
mijne ziel, zijt het voorwerp van die liefde... lev
Jesus, dood aan het kruis hangende , zegt u: ( « Zóó heb Ik de wereld bemind !quot; .. . En zoo dikwijls gij een kruisbeeld /.iet, kunt gij zeggen; « Zóó heeft Jesus m ij bemind Iquot; . . Beschouw dat slachtoller van liefde met oplettendheid ; tel , zoo gij kunt, zijne wonden; denk aart al het bloed,
voor n vergoten ; denk vooral aan de droefheid
en de verlatenheid, die zijn Hart om uwentwil ku
heeft verduurd... Zóó heeft Hij mij bemind!.. lijl
Hij schijnt nog te leven , en al de ledematen van Le
zijn II. Lichaam zijn als zoovele monden, die te
mij toeroepen ; « Ik heb u met eene eeuwige, ni(
met eene oneindige liefde bemind 1quot; da
Oordeel nu, welk eene liefde en dankbaarheid de
87
gij Hem verschuldigd zijt, en met welk eene zorg gij alles moet vermijoen, wat Hem kan mishagen. ..
O wat een heerlijk boek is toch het kruisbeeld !.. O God van liefde , Gij hebt U als uitgeput en verteerd uit liefde tot mij !. . O liefde, die het Hart van mijn Jesus verteert, verteer ook het mijne! .. Geef, o Jesus, dat ik bij het beschouwen van een kruisbeeld steeds aan uwe onmetelijke , oneindige liefde denke , om U liefde voor liefde te geven ; om voor U te werken, voor U te lijden, voor U te sterven aan alles, wat mij zou kunnen beletten , geheel voor U te leven.
Geef mij vooral , enz. blz. 73.
9° DAG.
Moge het H. Hart, enz.
Zoet Hart van mijn Jesus , enz.
« Een soldaat opende zijne zijde met eene lans.quot;
Het groote boek der liefde is geopend; gij kunt daarin lezen , welke gevoelens dat Goddelijk Hart steeds bezield hebben en nog bezielen. â Lees dus, mijne ziel, en bedenk wel, dat Jesus te zijnen opzichte niets heeft toegelaten, wat Hij niet gewild heeft; en dat Hij niets heeft gewild dan uit liefde tot u.. . Zoo gij nu nog de liefdevolle gesteltenis van zijn Goddelijk Hart mis-
88
kent, zijt gij meer dan blind. . . Hoort gij niet, dat Het u roept?.. Ja, Jesus wil, dat gij zijn Goddelijk Hart zult binnentreden.. Kunt gij nu nog eenig gevoel van mistrouwen omtrent zijne barmhartigheid koesteren ? . . Maar hoe had Jesus het dan toch moeten aanleggen, om u eene heilige overgeving, een onbeperkt vertrouwen, eene grenzenlooze toewijding in te boezemen . .
Denk aan de gunsten en zegeningen , gevloeid uit zijn minnend Hart!. ..
Denk aan de H. Kerk, die Hij gesticht, en waartoe Hij u uit loutere barmhartigheid , boven zoovele millioenen anderen , geroepen heett... . Denk aan de HH. Sacramenten, die Hij voor uw heil heeft ingesteld.... Denk vooral aan het H. Sacrament zijner liefde---- Denk aan zijne H. Moeder, die Hij u, in zijne teedere bezorgdheid, tot Moeder gaf!. . .
Denk aan zijn heilig lijden. . . . Indien gij na zulke bewijzen van liefde nog aarzelt, dan begrijp ik niet, wat machtig genoeg zou zijn, om uw arm , ongevoelig hart voor de Helde en het vertrouwen te winnen !.. .
O Jesus , ik wil niet langer aan uwe teedere uitnoodiging wederstaan ! Ik vraag U vergeving over het mistrouwen , waaraan ik mij tot hiertoe zoo menigmaal overgaf. Ik werp mij thans vol vertrouwen in uwe armen, in uw Goddelijk
â
89
Hart!.. . En zoo ik mij bedrieg, zoo ik te veel durf hopen en vragen, zoo mijn vertrouwen op uwe liefde jegens mij vermetel is, wijt het dan niet aan mij , Heer, maar aan U zeiven. Waarom hebt Gij mij zoozeer bemind en zooveel voor mij gedaan, als Gij niet wilt, dat ik op U al mijn vertrouwen zal stellen ? ...
O goede Jesus, geef, dat ik mij zei ven steeds mistrouwe, maar dat ik U immer verheerlijke, door een onbegrensd vertrouwen te stellen op U. In eiken nood , in elke bekoring, in elke moeilijkheid wil ik mijn toevlucht nemen tot uw H. Sacrament, waaruit Gij ons voortdurend toeroept: « Komt allen tot Mij , die belast en beladen zijt, en Ik zal u verkwikken.quot; Ik wil aan die liefdevolle uitnoodiging gehoor geven; U daar, zoo dikwijls het mij mogelijk is, bezoeken , U daar vergoeding en eerherstel aanbieden voor de onverschilligheid en oneerbiedigheid, waaraan zich zoovele menschen schuldig maken en waaraan ook ik , helaas ! mij al te lang heb schuldig gemaakt. Ik vraag U daarover nogmaals vergeving en beloof U, mijn best te zullen doen , zooveel mogelijk aan uwe liefde te beantwoorden en U den zoeten troost te verschaflen, uwe overvloedig-ste zegeningen over mij te kunnen uitstorten. â Dit voornemen, lieve Jesus, leg ik neder in uw
90
geopend Hart, opdat het daarin bewaard blijve dien
en ik het met uwe genade ten uitvoer brenge. lighf
Geef dit, lieve Jesus. Geef mij vooral, enz. bl. 73. 9.
â en
Negen zielsverheitïngen tot het Goddelijk ^eer Hart.
1. Hart van Jesus, volmaakte aanbidder van uwen hemelschen Vader, leer mij , God met U en door U aanbidden.
2. Hart van Jesus, brandend van liefde tot
Hnr
mij, ontvlam mijn hart door uwe Goddelijke liefde.
3. Hart van Jesus , eenig slachtolfer , der God- 11661 delijke Majesteit volkomen waardig, vereenig mij rnlJ met uw Goddelijk Olfer. 'iar
4. Hart van Jesus, overstelpt van bitterheid om ^at de zonden der menschen , verbrijzel mijn hart 'ie' van droefheid over mijne zonden. 'iar
5. Hart van Jesus , onbegrijpelijk nederig , ver- en nietig in mij allen hoogmoed. en
6. Hart van Jesus, volmaakt voorbeeld van iai1 zachtmoedigheid , boezem mij die heilzame zacht- s,ef moedigheid in. eeri
7. Hart van Jesus, oneindig zuiver en vlek- wa keloos, geel' mij eene onschendbare zuiverheid van en lichaam , geest en hart. v'u
8. Hart van Jesus, verslonden van ijver voor Ser uwen hemelschen Vader, vervul mijn hart met 'iel
dat
91
dien brandenden ijver voor uwe eer en mijne zaligheid.
9. Hart van Jesus, heersch altijd in mijn hart en geef mij de genade , van eeuwig met U te heerschen in den hemel.
Gebed tot het Goddelijk Hart.
(Naar den Zaligen Clemens Maria Hofbauer.)
O allerzoetste Jesus, wiens van liefde gloeiend Hart zelfs de grootste zondaars opneemt, wanneer zij zich bekeeren , verleen , bid ik U, aan mij en aan allen, die mij dierbaar zijn, een hart gelijk aan het uwe; d. i. een nederig bart, dat, zelfs te midden van wereldsche grootheid , het verborgen en verachte leven bemint; een hart, dat alle beleedigingen kloekmoedig verduurt en zich nimmer zoekt te wreken ; een vreedzaam en geduldig hart, dat zich zelfs bij de zwaarste rampspoeden niet laat ter neder slaan, maar steeds den inwendigen vrede weet te bewaren : een onbaatzuchtig hart, dat altoos tevreden is met wat het bezit; een hart, dat het gebed bemint, en in alle moeilijkheden tot hetzelve zijn toevlucht neemt; een hart, dat slechts één verlangen heeft; dat God van alle menschen moge gekend , bemind en gediend worden; een hart, dat niets haat dan de zonde en niets verlangt
92
dan de eer Gods en de zaligheid des naasten te bevorderen ; een zuiver hart, dat in alles niets zoekt dan God alleen en Hem in alles tracht te behagen ; een dankbaar hart, dat Gods weldaden nooit vergeet en daaraan naar best vermogen beantwoordt ; een hart, dat edelmoedig is jegens alle noodlijdenden en vol mededoogen jegens de arme zielen des vagevuurs; een hart eindelijk, dat zich in zijne wenschen en verlangens, in zijn doen en laten slechts door den Goddelijken Wil laat geleiden.
H. Maagd Maria, ondersteun mijn gebed bij het Hart van uwen Goddelijken Zoon, die U niets kan weigeren. Amen,
Toewijding aan het H. Hart van Jesus.
O mijn beminnelijke Jesus, om U mijne dankbaarheid Ie betoonen en eerherstel aan te bieden voor mijne ongetrouwheden , schenk ik N. N. U mijn hart en wijd mij zei ven geheel aan U toe. Ik neem mij vast voor, met de hulp uwer genade , nimmermeer te zondigen. (1)
-â¦âclt;^§lt;§gt;§^5oââ¢--
(1) 100 dagen aflaat, eenmaal daags, op voorwaarde , dat men deze toewijding doe voor eene afbeelding van het H. Hart ; een vollen aflaat onder de gewone voorwaarde eens in de maand, zoo men ze eiken dag doet. (Pius VII. 9 Juni 1807.)
lO.
Noveen voor den eersten Vrijdag van elke maand, tot eerherstel aan het H. Hart van Jesus.
le DAG.
â Leert van Mij , dat Ik zachtmoedig en oo:moedip vau Harte bell.,,
Matth. XI. 22.
Voorbereiding. Verlevendig uw geloof in de tegenwoordigheid van Jesus in het H. Sacrament. Stel n voor , dat Hij n zijn van liefde vlammend Hart toont ; aanbid Hem , en zeg :
O liefderijkste Jesus, tot welk een uiterste heeft U uwe liefde tot ons gebracht! â Gij hebt van uw Lichaam en van uw kostbaar Bloed een hemelsch voedsel bereid. om U geheel en al aan mij te kunnen schenken. Wat heeft U tot zulk eene overmaat van liefde gebracht ? Gewis, niets anders dan uw Goddelijk Hart. O aanbiddelijk Hart van mijnen Jesus, brandende oven van Goddelijke liefde, ontvang mijne ziel in uwe heilige Wonde , opdat ik in die school van liefde eenen God leere beminnen , die mij zulke wondervolle bewijzen zijner liefde gegeven heeft. Am.
94
Overweging. hulc
ons
le Punt. â Jesus wil onze leermeester zijn jjei
en zelf ons in de wetenschap der liefde, de onz(
wetenschap der Heiligen, onderwijzen. Hij noo- on{j
digt ons uit, ja, dwingt ons als het ware, naar j zijne Goddelijke lessen te komen Klisteren. â
Geven wij daarom aan zijne uitnoodiging gehoor. Hij alleen is de Weg, de Waarheid en het â (; Leven. De navolging zijner Goddelijke lessen
zal Hem verheerlijken en ons in dit leven vrede ne(|
schenken en ons eeuwig geluk verzekeren. 700i
2e Pl'nt. â Het hoek, dat Jesus ons ter ieei.
lezing aanbiedt, is zijn aanbiddelijk Hart. Laat !nij
ons gestadig daarin lezen , en Het zal ons de e(ie
zachtmoedigheid, de nederigheid, de zuiverheid, q j
de liefde, de edelmoedigheid en de toewijding (]ie
leeren. Doch lezen wij met het vurig verlangen zjjf
om de deugden , waarvan Jesus' H. Hart de bron rn|j
en het toonbeeld is, na te volgen en ons leven mv( zooveel mogelijk aan dat van Jesus gelijkvormig
te maken. uw
3e Punt. â Vergeten wij niet, dat het de (
plicht van iederen Christen is, maar vooral van ^
hen, die meer door God begunstigd zijn , het v.an
Goddelijk Hart van Jesus te troosten , te bemin- ^
nen en op te beuren. De beste wijze nu, om jj dit te doen , bestaat hierin, dat wij door onze
95
huldebewijzen en vooral door de heiligheid van ons leven, den smaad en de Leleedigingen, die Z1JU Hem worden aangedaan, vergoeden en Hem door onze liefde en standvastige getrouwheid voor de ondankbaarheid van zoovele ongelukkige zondaars schadeloos stellen.
GEliED.
1 het â q Jesus , beminnelijke Verlosser, Gij verlangt,
assen jat jjj gedurig in uw H. Hart leze, en daar de
rede nederigheid en zachtmoedigheid leere, die ik
! zoozeer noodig heb. Deze deugden zullen mij
; ier leeren medelijden te hebben met de zwakheden
Laat mijner broeders, en mij vervullen met eenen
is de edelmoedigen ijver voor de ongelukkige zondaars,
leid, q beminnenswaardig en medelijdend Hart. Gij , die de bron van alle goed en van alle genaden
riamp;en zijt, geef, dat il; uit U al de deugden putte, die
'jron mij nog ontbreken. Maak mij deelachtig aan
even uwen geest van ijver, van liefde, van offervaar-
'mlo digheid, opdat mijn leven eene navolging van
uw leven zijn moge.
^ Geestelijke Communie, blz. 62.
van Schietgebed. O Jesus, zachtmoedig en nederig
het van Hai.t;e ) niaak mijn hart gelijk aan het uwe I
m'n' O. L. Vrouw van het H. Hart, leer mij het
om H. Hart van uwen Jesus beminnen en navolgen,
de noo-naar i. â hoor.
onze ]T;ngeien en Heiligen des hemels, en gij
.
9(5
vooral, H. Joseph en allen , die door godsvrucht tot het H. Hart hebt uitgemunt , verwerf mij eene degelijke godsvrucht tot het Goddelijk Hart.
2quot; DAG.
â Zoon , geef mij uw hart.quot;
Spreuk. XXIII. 26.
Voorbereiding, zie hl. 93.
Overweging.
1° Punt. â Het Goddelijk Hart wordt in het H. Sacrament des Altaars van liefde jegens ons verteerd. Het verlangt allervurigst zijne genaden over ons uit te storten en het vuur der liefde in onze harten te ontsteken. Dan helaas! terwijl de Engelen onophoudelijk het heilig tabernakel omringen en Jesus vol liefde aanbidden, vergeet de mensch zijnen God, die niets vuriger wenscht dan zijn Gastheer en Vriend te zijn. De ondankbare mensch vergeet Hem niet alleen, maar hij beleedigt, miskent Hem en veracht zijne weldaden. Ach, mijn Jesus, hoe lang nog zal ik uwe liefde met ondank vergelden ?
2quot; Punt. â Uit de hoogte des hemels ziet God de Vader liefdevol neder op zijnen eenigen Zoon , verborgen en als vernietigd in dit verheven Geheim, en Hij zegt ons niet alleen : « Deze is mijn welbeminde Zoon , hoort naar Hemquot; ; maar Hij voegt er bij : « aanbidt Hem , bemint
97
Hem , volgt Hem na.quot; â Doen wij dit! Laten wij ons vol ijver om zijne altaren scharen en met de Engelen des hemels in liefde en toewijding wedijveren voor den verborgen God van het H. Sacrament.
3C Punt. â Maar het is niet alleen onze aanbidding , die Jesus verlangt; Hij vraagt ook onze liefde, ons hart. Helaas ! wij schenken dat hart aan de wereld , aan de schepselen, die het met zonden besmeuren ; en wij weigeren het aan Jesus, die bet zou zuiveren en ons vrede en geluk schenken. Geven wij beden ons hart voor altijd aan Jesus ; maar geheel, zonder voorbehoud , zonder verdeeling; of zou die God , die ons zijn Hart geheel en al geschonken heeft, niet verdienen ook ons hart eenig en alleen te bezitten ?
gebed.
Gewaardig U, mijn aanbiddelijke Zaligmaker, het offer van mijn hart te ontvangen. Hoe ellendig het ook is, wenscht Gij toch vurig het te bezitten, en Gij wilt het bezitten, om het gelukkig te maken. Met schaamte moet ik bekennen, dat ik mijn arm hart vroeger aan de schepselen geschonken heb en dat het ten opzichte van U, die alleen al mijne liefde verdient, onverschillig geweest is. Vergeef mij, lieve Jesus, vergeef n. 7
98
mij die groote ondankbaarheid. Geef, dat dit hart, hetwelk zoo lang ondankbaar jegens U was, voortaan slechts leve om U te beminnen en door anderen te doen beminnen.
Geestelijke Communie, bl. 62.
Schietgebed. Zoet Hart van mijn Jesus, maak, dat ik U altijd meer en meer beminne !
O. L. Vrouw van liet H. Hart, enz. bl. 95.
Alle Engelen en Heiligen, enz. bl. 95.
3quot; DAG.
â Deze wonden heb Ik ontvangen in het huis van hen , die Mij beminden.quot;
Zach. XIII. 6.
Voorbereiding , zie bl. 93.
Overweging.
'le Punt. â Het H. Sacrament, des Altaars moest voorzeker den menschen slechts gevoelens van dankbaarheid en Helde inboezemen. Doch helaas ! van de grootste weldaad, die Jesus hun geschonken beeft, maken zij het voorwerp hunner zwartste ondankbaarheid; en de goddelooze bereidt voor den God van liefde een nieuw kruis, waarop hij Hem met smaad en verachting overlaadt. Onge-loovigen , godslasteraars , onverschilligen , heiligschenners , allen vereenigen zich om op het aanbiddelijk Hart van Jesus de vergiftigde pijlen hun-
99
;iart, ner boosheid af te schieten en dat Goddelijk Hart was , met een kroon van doornen te omgeven, veel smar-door telijker dan die , welke eens zijn geheiligd hoofd omgaf.
2e Punt. â Al de smarten van zijn heilig lij-laak, den worden voor Jesus in het Allerheiligste Sacrament hernieuwd. Ach ! hoe vele zielen ko-5. men Hem dagelijks den verraderlijken kus geven ! Hoevele anderen verloochenen Hem uit een laf menschelijk opzicht! Hij wordt gegeeseld door de vreeselijke misdaad , wier naam zelfs aan de n het Christenen onbekend moest wezen. Hij wordt 6. met doornen gekroond door den hoovaardige, opnieuw gekruist door den heiligschenner, met gal en azijn gelaafd door de onverschilligheid van dezen en door de ondankbaarheid van genen . . . noest 3e Punt. â Op dat nieuw kruis, waaraan Hij van door onze boosheid wordt vastgehecht, heeft Je-laas ! sus dorst. Hij dorst naar onze liefde. Uit zijn :hon- tabernakel roept Hij ons aanhoudend toe : « Ik irtste heb dorst.quot; Vereenigen wij ons daarom met voor Maria en den H. Joseph , om door onze liefde p hij den dorst van dit aanbiddelijk Hart te lesschen ; )nge- beminnen wij Het voor allen , die Het niet lief-eilig- hebben, en bieden wij tot vergoeding van de on-aan- verschilligheid en den haat der zondaars, dat God-hun- delijk Hart de liefde aan van die zielen, die Hetzelve 't meest bemind hebben.....
.
100
GE13ED.
O H. Hart van Jesus , dat naar mijne liefde dorst, ik verlang niets zoozeer als U te beminnen. Ach, kon ik ü beminnen met de liefde van alle Engelen en Heiligen des hemels! Kon ik U beminnen voor al degenen, die U niet liefhebben , voor al die rampzaligen , die U nooit meer zullen of kunnen beminnen In mijne onmacht vereenig ik mij met de vurige liefde van het Onbevlekte Hart uwer teedere Moeder, met die van alle Heiligen des hemels en van alle rechtvaardigen op aarde, opdat ik, met hen vereenigd, onophoudelijk moge herhalen: «Geloofd, bemind en aangebeden zij te allen tijde het H. Hart van Jesus in het Allerheiligste Sacrament des Altaars. Amen.
Geestelijke Communie, bl. 62.
Schietgebed. Mijn Jesus, barmhartigheid! (1)
Spaar, Heer, spaar uw volk!
O. L. Vrouw van het H. Hart, enz. bl. 95.
Alle Engelen en Heiligen, enz. bl. 95.
(1) 100 dagen aflaat telkeus. (Pius IX. 24 Sept. 1846.)
101
4= DAG.
u God de Heer zal iu ons vertroost worden... in zijne dienaren zal God vertroost worden.''
TI Mach. VII. 6.
Voorbereiding, zie bl. 93.
Overweging.
1° Punt. â In de nabijheid van het altaar, waarop het Lam zonder vlek geslachtofl'erd wordt, staat de Communiebank ; en al weigeren velen daaraan plaats te nemen , al gevoelen zij zelfs afkeer van het Brood der Engelen, er zijn , God dank , nog zuivere zielen, die hongeren naar dat Goddelijk voedsel, dat de Engelen aan de aarde zouden kunnen benijden. Vol blijdschap geven zij gehoor aan de uitnoodiging van den God van liefde en komen met vurigheid deelnemen aan den Goddelijken Maaltijd, haar door Jesus' liefde bereid.
2e Punt. â⢠Waar ergens een lichaam is , daar zullen ook de arenden zich verzamelen. Dit woord der H. Schrift zien wij bevestigd door eene menigte uitgelezen zielen , die Jesus vurig beminnen en van verlangen branden , om Hem iu zijn H. Sacrament te aanbidden en zich met Hem in de H. Communie te vereenigen. Zij zijn de arenden , die zich om het Lichaam van het verheven Slachtoffer verzamelen en, met een
*
102
heiligen honger naar Jesus, zich met zijn aanbiddelijk Vleesch verzadigen.
3quot; Punt. â Van ai de eerherstellingen, die Jesus worden aangeboden, behaagt Hem die van liefde het meest. Zij alleen kan zijn Goddelijk Hart vertroosten. De liefde der getrouwe zielen, haar vurig verlangen om Jesus in zijn H. Sacrament te ontvangen, is een zoete balsem voor zijn door liefde gewond Hart. Schenken wij Hem dikwijls dien troost; zorgen wij, dat onze ziel bij de H. Communie steeds schittere van zuiverheid, brande van liefde en het oog van den nederigen Jesus verrukke door eene diepe ootmoedigheid. En terwijl wij Hem eerherstel aanbieden voor anderen, mogen wij niet vergeten, Hem ook vergoeding aan te bieden voor onze eigen ondankbaarheid : ook wij hebben barmhartigheid en vergeving noodig ....
gehed.
Ja , mijn beminnelijke Verlosser , ik beken en belijd het met oprecht leedwezen , dat ik uw Goddelijk Hart door mijne ondankbaarheid en trouweloosheid maar al te dikwerf heb bedroefd en gewond. Ook ik heb misbruik gemaakt van uwe kostbare genaden. Maar Gij, lieve Jesus, hebt beloofd, een rouwmoedig en vernederd hart niet te zullen versmaden. Vergeving dan, o mijn
103
Goddelijke Verlosser, ik vraag het U vol vertrouwen , in naam van den doodsstrijd , waaraan uw H. Hart in den hof der Olijven is ter prooi geweest; in naam van uw bloedig zweet, waarvan een enkele druppel voldoende was om alle zonden der. wereld uit te wisschen. Amen.
Geestelijke Communie, blz. 02.
Schietgebed. Goddelijke barmhartigheid, vleesch geworden in het H. Hart van Jesus, bescherm de wereld, stort U over ons uit. â Mijn Jesus, barmhartigheid !
O. L. Vrouw van het H. Hart, enz. bl. 95.
Alle Engelen en Heiligen , enz. bl. 95.
DAG.
â Tk ben de wijnstok , pij zijt de ranken ; die in Mij blijft en in wien Ik blijf, die draaft veel vrucht.'* H. Joannes. XV. 5.
Voorbereiding , zie bl. 93.
Overweging.
lc Punt. â Het H. Sacrament des Altaars is de Goddelijke Zon, die bloemen van allerlei deugden doet ontluiken. Onder den invloed barer levendmakende warmte vertoonen zich de leliën der onschuld, de viooltjes der nederigheid en de rozen der liefde in al hare schoonheid. Het is onmogelijk, dat de ziel, die dikwijls met de noo-
104
dige gesteltenis dit aanbiddelijk Sacrament ontvangt , niet deelachtig worde aan de heiligheid van Hem, met wien zij zich vereenigt. Want Jesus is niet slechts de Heilige der Heiligen, Hij is ook het beginsel en de bron van alle heiligheid, en Hij geeft Zich alleen aan ons, om ons te heiligen.
2® Punt. â God wil, dat wij heilig worden ; Hij roept ons allen tot de heiligheid , maar geleidt ons daartoe niet allen langs denzelfden weg. Door de genade der H. Communie worden wij krachtig gesterkt om ons naar behooren te kwijten van de plichten van onzen staat, en zien wij onder ons de wonderen hernieuwd van boetvaardigheid, zelfverloochening, liefde en toewijding, die wij in de Heiligen aanschouwen.
3quot; Punt. â Jesus overlaadt ons in zijn H. Sacrament met weldaden; zijne edelmoedigheid kent geen grenzen. Hij schenkt ons niet slechts zijne genade, zijne verdiensten; Hij schenkt ons Zich zei ven, met al wat Hij heeft, met al wat Hij is. Wij zijn arm, zeer arm , en kunnen Hem slechts zijne eigen gaven aanbieden; maar Hij zal zeer tevreden zijn, zoo wij ons best doen om niet met ledige handen aan zijne H. Tafel te ver- â schijnen. Zorgen wij dus, dat zij gevuld zijn met bloemen en vruchten van nederigheid, geduld, zachtmoedigheid en liefde.
105
GEBED.
Mijn beminnenswaardige Verlosser, ik zou uwe liefde met wederliefde willen vergelden ; maar Gij ziet mijne overgroote behoefte. Ik kan U zelfs niet beminnen, zooals ik het wensch. Ik heb niets om U aan te bieden , of Gij moet hel mij zelf eerst geven. Geef mij dan , o mijn Jesus, die diepe ootmoedigheid, zonder welke Gij in mij peen behagen kunt vinden ; geef mij de getrouwheid , de edelmoedigheid in uwen dienst, den geest van zelfverloochening en offervaardigheid. Geef, dat ik, ter liefde van U, de plichten van mijnen staat volmaakt volbrenge ; geef mij bovenal eene teedere, edelmoedige en standvastige liefde tot uw H. Hart. Amen.
Geestelijke Communie, bl. 62.
Schietgebed. O Hart van liefde, blijf bij mij en in mij ; bestuur mij, red mij en verander mij geheel en al in U. (Gelukz. Margar. Maria).
O. L. Vrouw van het H. Hart, enz. bl. 95.
Alle Engelen en |Heiligen, enz. bl. 95.
T
106
6« DAG.
â Ik zal mijne handen wasscheu met de onschnldigen (d. i. ik zal mijn hart zuiveren) en met hen uw altaar, o Heer, omgeven.quot; Ps. XXV. 6.
Voorbereiding, zie bl. 93.
Overweging.
1® Punt. â Een der heilzaamste vruchten van de veelvuldige Communie is, dat zij de ziel in de ootmoedigheid bevestigt. Hoe meer eene ziel tot God nadert, des te meer erkent zij hare geringheid en hare ellende ; en naarmate de Zon der gerechtigheid haar verlicht, in dezelfde mate ontdekt zij in zich nieuwe vlekken , waarvan zij een afkeer gevoelt. â Ja, de ziel erkent alsdan hare zwakheid en haar onvermogen om eenig goed te doen ; zij ziet, hoe weinig hare deugden beteekenen , en hoe al hare werken nog met onvolmaaktheden vermengd zijn; en dat gezicht maakt haar ootmoedig, zonder haar den moed te benemen.
2e Punt. â Die ziel echter bemint Jesus, en in de onmogelijkheid zijnde om Hem een waardig olfer aan te bieden, kiest zij die offers, welke zij weet, dat Hem het aangenaamst zijn. Zij offert Hem de vurige liefde der Engelen ; de heldhaftige deugden der Heiligen, die Hem op aarde het meest bemind hebben ; zij biedt Hem vooral
.
107
het Onbevlekte Hart zijner H. Moeder aan, met al de deugdeu, die dat Hart tot een voorwerp van zijn welbehagen gemaakt hebben.
3e Punt. â Eindelijk, die ziel waagt het, hare gevoelens en hare gebeden met de gevoelens en de gebeden der H. Moedermaagd te vereenigen , en smeekt Haar, die te zuiveren, opdat zij , van iedere onvolmaaktheid ontdaan, als een kostbaar reukwerk tot den troon van Jesus' Hart mogen opstijgen. Wanneer eene ziel zóó bidt, dan verzamelen de Engelen die gebeden als welriekende bloemen, waarvan zij een krans vlechten , dien Maria zelf op het Hart van haren God-delijken Zoon zal nederleggen.
gebed.
Alles is besmeurd , alles is onrein in mij , en ik heb niets , o mijn liefdevolle Verlosser, dat ik : U als Uwer waardig kan aanbieden. Gedoog derhalve , dat ik bij de bewoners van uw hemelscb rijk eene aalmoes kome vragen, om mij met den mantel hunner liefde te bedekken en met den overvloed hunner liefde te verrijken. Gedoog vooral , dat ik mij tot het vlekkelooze Hart uwer allerheiligste Moeder wende, opdat Zij de gevoelens van mijn ellendig hart wille reiniger en heiligen. En dewijl de goederen eener moeder het erfdeel harer kinderen zijn, gewaardig U, Maria's diepe
.
108
ootmoedigheid, hare vurige gebeden en opoffe- hare ringen aan te nemen , tot vergoeding mijner geringe nederigheid en mijner lauwheid. Ontvang bovendien den gloed harer teedere en brandende liefde tot eerherstel mijner zoo koude, zwakke en onstandvastige liefde. Amen.
Geestelijke Communie, blz. G'2.
Schietgebed. Zoet Hart van mijn Jesus, maak,
dat ik U altijd meer en meer beminne.
O. L. Vrouw van het H. Hart, enz. blz. 95.
Alle Engelen en Heiligen , enz. blz. 95.
7e Dag.
â Sn de rook des reukwerks van de geboden der Heiligen steeg van de hand des Engels voor Gods aangezicht op.quot;
Apoc. VIII. 4.
Voorbereiding, zie bl. 93.
Overweging.
le Punt. â Zijn de Engelen bedroefd over de beleedigingen, die hunnen Goddelijken Meester worden aangedaan , zij verheugen zich ook over de huldebewijzen, die men Hem in het Sacrament zijner liefde aanbiedt; zijn zij verontwaardigd tegen de heiligschenners van dit verheven Geheim, met vreugde en blijdschap zien zij daarentegen neer op de zielen, die naar best vermogen Jesus in zijn H. Sacrament vereeren. Zij verzamelen lie
409
hare verlangens, hare gebeden en hare gevoelens van ijver als zoovele bloemen , welke eens hare onverwelkbare kroon in den hemel zullen uitmaken.
2e Punt. â Ook de Heiligen verblijden zich in den hemel over de eerbewijzingen, welke den goeden Jesus op aarde gebracht worden. Hun ijver voor de eer van God is in den hemel vermeerderd en zij verlangen vuriger dan hier beneden, dat bet voorwerp hunner liefde door iedereen veel bemind worde. Zij aanschouwen in God de gesteltenis der vurige zielen, hare deugden en hare opofferingen; zij hooren de gebeden , welke die zielen tot hen opzenden , offeren ze aan God op en laten niet. na, voor die vereerders van bet H. Sacrament ten beste te spreken.
3e Punt. â Wanneer nu de Engelen en Heiligen zoo groot belang stellen in de zielen, die Jesus liefhebben, en hen op bijzondere wijze beschermen, welk belang zal dan de H. Maagd Maria niet stellen in hen, die haren Zoon in het H. Sacrament eeren en verheerlijken ! Zij zijn hare welbeminde kinderen, in wie Zij baar welbehagen stelt en die zij met hare bijzondere gunsten verrijkt. Zij waakt over hen met eene moederlijke zorg en draagt al hunne eerbewijzen en werken van eerherstel aan Jesus op , die ze vol liefde uit hare gezegende banden aanneemt.
110
GEBED.
O Goddelijk Hart van Jesus, ik loot' en prijs U, omdat Gij ons uwe Engelen en Heiligen, uwe bijzondere Vrienden, tot beschermers en voorsprekers bij uwen troon geschonken hebt; maar vooral, omdat Gij ons Maria, uwe H. Moeder, tot middelares en zelfs tot Moeder hebt gegeven. 0 ja , uwe lieve Moeder is ook de onze. En hoe zoudt Gij ons uwe barmhartigheid kunnen weigeren, als Maria, uwe Moeder, U daarom vraagt ? Hoe zouden wij niet mogen hopen , als uwe en onze Moeder onze zaak bij U bepleit ? Ja, wij hopen , o Heer, en onze hoop grondt zich niet op onze verdiensten, maar op de uwe, en op de veel vermogende tusschenkomst van uwe gezegende Moeder. Amen.
Geestelijke Communie, bl. 62.
Schietgebed. Het H. Hart van Jesus zij in alle tabernakelen der wereld, ieder oogenblik tot aan de voleinding der eeuwen , met een innig gevoel van dankbaarheid geloofd, aangebeden en bemind. Amen. (1)
Zoet Hart van Jesus, wees mijne liefde !
O. L. Vrouw van liet H. Hart, enz. bl. 95.
Alle Engelen en Heiligen , enz. bl. 95.
(I) 100 dagen allaat, eens daags. (Pius IX. quot;9 Febr. 1868.)
111
|
8° DAG.
â De dochters der koningen (d i. de grootmoedige zielen) verblijden U, als zij komen , om U te eeren.quot;
Ps. XLIV. 10.
Voorbereiding-, zie bi. 93.
Overweging.
lquot; Punt. â Zijn van den eenen kant de be-leedigingen , de versmadingen en de godslasteringen der ongeloovigen, der goddeloozen en van alle zondaars voor het Goddelijk Hart van Jesus als een nieuwe kroon van doornen, die Hetzelve smartelijk wonden; van den anderen kant zijn de huldebewijzen, de eerherstellingen zijner kinderen voor Hem als een krans van welriekende bloemen , wier zoete geur Hem verkwikt, en als een kostelijke balsem, die de smarten van zijn aanbiddelijk Hart lenigt.
'2® Punt. â Het is Maria's moederhand , die op zekere wijze de kroon van doornen , welke het Hart van haren Goddelijken Zoon omgeeft, komt wegnemen en een krans van bloemen in de plaats legt, terwijl zij namelijk door hare krachtige voorspraak dagelijks eene menigte zondaars bekeert en aan de hel ontrukt, om hen tot Jesus' Hart te voeren. Maria biedt bovendien haren Jesus de gebeden, de eerherstellingen en de akten van liefde aan, die medelijdende zielen
prijs uwe /oor-naar tot . 0 hoe wei-igt ? ; en wij niet p de nde
alle aan 'oei nd.
i8.)
112
Hem opdragen. En door zulke handen aange- dooi boden , worden zij Hem onbegrijpelijk veel aan- ik ( genamer. wil
3e Punt. â Verdubbelen wij derhalve onze ond vurigheid, vermenigvuldigen wij onze huldeblij- G ken en eerherstellingen ; verdubbelen wij vooral S onzen ijver en onze liefde voor Jesus in het I H. Sacrament des Altaars. Ja, mocht er een C heilige naijver onder ons ontstaan om dagelijks --een grooter getal dier bloemen van zuiverheid, nederigheid, ijver, liefde en eerherstel bijeen te brengen, dier bloemen, welke Jesus zoozeer bemint en die de Engelen verzamelen om een krans voor zijn Goddelijk Hart te vlechten. Troosten wij zoo dat Goddelijk Hart, dat aan zoovele beleedigin- i
gen is blootgesteld om onze vertrooster te kunnen zijn in al ons lijden , in al onze smarten.
gebed.
Ha
Hoe aangenaam zou het mij zijn, o lieve Jesus, bo(
door mijne liefde de smartelijke wonde te kun- Ua
nen verzachten , welke de ondankbaarheid van an
zoovele ongelukkige zondaars aan uw Goddelijk zoi
Hart heeft toegebracht. O , kon ik toch de on- on
verschilligheid en de beleedigingen , waaraan Gij rir
onophoudelijk in het Sacrament uwer liefde zijt vu
blootgesteld, door de vurigheid mijner aanbid- sle ding, door mijne onafgebroken buldebewijzen en
113
door den ijver mijner toewijding herstellen 1 Daar ik echter zoo zwak ben, bid ik U, mijn goeden wil aan te nemen, zoowel tot vergoeding mijner ondankbaarheid, als van die der andere menschen.
Geestelijke Communie, blz. 62.
Schietgebed. Spaar, Heer , spaar uw volk 1
Bemind zij overal het H. Hart van Jesus!
O. L. Vrouw van het H. Hart, enz. blz. 95.
Alle Engelen en Heiligen, enz. bl. 95.
9e DAG.
â Aan de rech:erhand staat de Koningin .. . ua haar zullen de maagden tot den Koning geleid worden .. . raen tal haar binnenleiden in vreugde en blijdschap.
^ Ps. XLIV. 10, 15, 16.
Voorbereiding, zie bl. 93.
Overweging.
!⢠Punt. â Geen hart heeft het Goddelijk Hart van Jesus volmaakter eerherstelling aangeboden, dan het Onbevlekte Hart zijner H. Moeder, üat moederlijk Hart gevoelde levendiger dan eenig ander al de grootheid van den smaad , dien de zonde aan de Goddelijke Majesteit aandoet; daarom trachtte Maria door de diepte harer vernederingen , door den ijver harer aanbidding en de vurigheid harer liefde dien smaad, zooveel Zij slechts vermocht, te herstellen. Zij schonk aan n. 8
114
de beleediirde Majesteit vooral vergoeding door zich met al de gevoelens van den grooten Eerhersteller Jesus Christus te vereenigen en zich met Hem aan al de slagen der Goddelijke rechtvaardigheid over te leveren.
2® Punt. â Moge Maria ons voorbeeld zijn bij onze eerherstelling! Overwegen wij haar leven, en leeren wij van Haar, dat de eerherstelling niet slechts in gebeden en gevoelens bestaat; maar vooral in werken, in lijden en in de voldoening voor onze zonden en voor die van anderen. â Lijden is het erfdeel , dat Jesus voor de zielen heeft nagelaten , die Hem waarlijk beminnen.
3° Punt.â Maria bemint met moederlijke tee-derheid de zielen , die zich uit liefde opofferen, om de beleedigingen, haren Goddelijken Zoon aangedaan, te herstellen ; Zij is hare Beschermster en Voorspreekster bij Jesus' Hart en houdt niet op, zijne genaden en zegeningen over die zielen af te smeeken. Op Maria's bede strekt Jesus zijne almachtige hand over deze getrouwe zielen uit, om haar te beschermen en te zegenen ; en die hemelsche zegening, haar nu reeds verleend, is slechts het onderpand van oneindig kostbaarder zegeningen, voor haar in de eeuwigheid weggelegd.
115
Oquot;1- J GE BED.
ier-
ïiet Ik wil, o mijn Jesus, uwe verhevene Moeder lar- 0P (^en quot;wsg van eerherstel en opofl'ering volgen.
Ik zal mij aan uwe gerechtigheid opofl'eren en jjij met liefde alles lijden , wat Gij mij zult laten en overkomen, ten einde voor mijne ondankbaarheid inn- en die van andere menschen , mijne broeders, fll j te voldoen. Gelukkig zal ik zijn , o mijn Jesus , oe. indien ik aldus uwe barmhartigheid over de zon-
_ d;iars kan doen nederdalen en iets kan toebrengen
len aan het heil der zielen, die Gij tot zoo hoo-gen prijs hebt vrijgekocht. Sla , o goede Jesus, ee_ een blik van medelijden op alle ongelukkige zon-!n daars en aanvaard te hunnen gunste mijn lijden, jon mijne smarten , de vrijwillige verstervingen , die ter ik mij wil opleggen, en die ik met uw lijdenen dat uwer H. Moeder vereenig. O liefderijk Hart. len van Jesus, schenk mij en alle zondaars hier ver-3US gilfenis en barmhartigheid en hiernamaals de |en hemelsche glorie !
en Geestelijke Communie, bl. 62.
ricj Schietgebeden. Mijn Jesus, barmhartigheid!
jer Moge het H. Hart van Jesus alom bemind worden.
O. L. V. van het H. Hart, enz. bl. 95.
Alle Engelen en Heiligen , enz. bl. 95. -â
11.
Noveen ter eere van den H. Antonins van Padua.
(Zij begint den 4dl!n Juni.)
1- DAG.
Groote lieilige Antonius, gij, die onder andere uitstekende gunsten verdiend hebt, tijdens uw sterfelijk leven het Kindje Jesus te aanschouwen en op uwe armen te dragen, toevlucht van alle bedrukten, ik smeek u, mijne nederige gebeden aan te nemen en voor mij van God de kracht en de genade te verkrijgen , om de rampen van dit ellendig leven met moed en onderwerping te dragen. Ik smeek u vooral mij te verwerven. .. (Men noeme hier de gunst, die men vooral verlangt. ) Ik bid ii om deze genade , door de barmhartigheid , die God u van uwe vroegste jeugd betoond heeft, door u met de zoetheid zijner genade te voorkomen, en u lot Zich te trekken, om Hem boven al het geschapene te beminnen. Amen.
Onze Vader, enz. Wees gegroet, enz.
Responsorium ter eere van den H. Antonius.
quot;Wilt gij mirakelen zien ? Dood, dwaling, ramp-
117
spoed , duivel, melaatschheid , nemen de vlucht; zieken staan gezond op.
De zee gehoorzaamt, boeien breken, jong en oud vragen en ontvangen het gebruik hunner ledematen en verloren zaken terug.
Gevaren wijken, ellende houdt op; verhaalt het, gij die het ondervondt; spreekt, inwoners van Padua.
De zee gehoorzaamt, boeien , enz. (herhalen.)
Glorie zij den Vader, en den Zoon, en den H. Geest.
De zee gehoorzaamt, boeien , enz. (herhalen.)
f. Bid voor ons, H. Antonius,
R-. Opdat wij waardig worden de belof'.en van Christus.
LAAT ONS BIDDEN.
O God, moge de vrome gedachtenis aan uwen H. Belijder Antonius uwe Kerk verheugen , opdat zij te allen tijde door geestelijke hulp worde beschermd en verdiene de eeuwige vreugde te genieten. Door Christus, .onzen Heer. Amen. (1)
DAG.
Allerbeminnelijkste H. Antonius, wees mij, uwen
(1) 100 dageu aflaat , telken male ; vollen afl. eens per maand ouder de gewone voorwwaarden voor hen , die het dagelijks bidden. (Pius IX. 25 Jan. 1866.)
118
armen dienaar, indachtig ; verkrijg mij te midden der aardsche rampen en moeilijkheden , de ware zielerust, en bevrijd mij , door uwe voorspraak , van de angsten, die mij kwellen , opdat ik de ; vrijheid der kinderen Gods geniete. Verkrijg mij vooral.... Ik smeek u daarom door de groote | zoetigheid, die uwe ziel smaakte in den vertrou-â welijken omgang met God , in de stilte en de oefeningen van het geestelijk leven , dat u hier : beneden een waar hemelburger maakte , en er u den voorsmaak van het hemelsch Paradijs deed genieten. Amen.
Onze Vader , enz. Wees gegroet, enz.
Wilt gij mirakelen zien ? enz. bl. 116.
3« DAG.
O liefderijke en beminnelijke Heilige, deel mij een vonkje van uwe liefde mede, opdat ook mijn hart van het Goddelijk liefdevuur moge branden. Dat die liefde mij den moed schenke over alle kwellingen en bekoringen van duivel, wereld en vleesch te zegevieren , -opdat ik mijne ziel steeds zuiver beware en alleen voor God lijde en werke.
Verwerf mij ook ... Ik smeek u hierom door de vurige liefde , die uw hart ontvlamde op het zien van de lichamen der eerste Martelaren van de Serafijnsche Orde, en die u deed besluiten, u onder de zonen van den H. Franciscus te scharen.
119
ten einde gelegenheid te vinden, om evenals zij voor den Naam van Jesus uw bloed te vergieten. Amen.
Onze Vader , enz. Wees gegroet, enz.
Wilt gij mirakelen zien ? enz. hl. 116.
DAG.
Groote vriend Gods, H. Antonius, ik stel mijn leven onder uwe leiding en smeek u, het volgens het uwe te regelen en mij als bij de hand te houden , opdat ik in geene doodzonde valle. Maak, dat ik al de plichten van een goed Christen behoorlijk vervulle . zonder mij ooit, door welke kwelling of beproeving liet ook wezen moge, van den weg van Gods geboden te verwijderen. Behoed mij niet alleen voor het ongeluk van ooit aan anderen ergernis te geven, maar doe mij integendeel door woord en voorbeeld immer het heil van mijnen evennaaste bevorderen. Bekom mij ook ... Ik smeek u hierom door den brandenden ijver voor de zaligheid der zielen , die u zulke groote werken deed ondernemen, om de zondaars tot boetvaardigheid te brengen en de goeden op den weg der zaligheid te bevestigen. Amen.
Onze Vader, enz. Wees gegroet, enz.
Wilt gij mirakelen zien ? enz. bl. 116.
-120
5' DAG.
Machtige en liefdevolle geneesheer, die alle ziekten zoowel van de ziel als van het lichaam geneest, heb medelijden met mij ; want ik ben ziek en machteloos als een koortslijder. De hoo-vaardigheid, de ongehoorzaamheid, de onzuiverheid, de gramschap, de traagheid en andere zonden kwellen mij als eene gevaarlijke koorts.
Uwe macht strekt zich, door Gods goedheid, over al die kwalen uit; genees mij , opdat ik mij in eene volkomen gezondheid naar lichaam en ziel verheuge en ze aanwende om den goeden God ijverig te dienen en uit al mijne krachten datgene te volbrengen, wat Hem welgevallig is. Verkrijg mij ook. . . Ik smeek u hierom door de verbazende macht, die gij uitgeoefend en waardoor gij zooveel wonderbare genezingen bewerkt hebt. Am.
Onze Vader , enz. Wees gegroet, enz.
Wilt gij mirakelen zien ? enz. bl. 116.
6e DAG.
O H. Antonius, ijverige prediker der Katholieke waarheid , die dag en nacht met onvermoeide pogingen de leer der ware Kerk verkondigdet en de dwalenden tot, het geloof bekeerdet, zie, hoevele zielen in de schandelijkste dwaling ronddolen en ook anderen in het vercterf trachten
121
mede te sleepen. Zie, hoe de Kerk van alle kanten wordt aangevallen, en hoe lauw en traag zich vele harer kinderen gedragen. O H. Antonius, verkrijg voor alle dwalenden eene oprechte bekeering , voor de ware kinderen der Kerk den ijver en de volharding en voor allen de zaligheid. Verkrijg mij in het bijzonder. .. Ik smeek u hierom door den brandenden ijver, waarmede gij steeds de belangen der H. Kerk verdedigd en het ware geloof voor ketters en ongeloovigen verkondigd hebt. Amen.
Onze Vader , enz. W'ees gegroet, enz.
Wilt gij mirakelen zien ? enz. bl. 116.
7« DAG.
H. Antonius, schitterende fakkel der Christen wereld, verlicht, bid ik u, de oogen mijns geestes, om de waarheden te kennen, die noo-dig zijn om mijne ziel en de zielen dergenen, die mij zijn toevertrouwd, op het rechte spoor te geleiden , en om de listen van Satan te ontdekken , alsook de strikken , die hij spant, om mij en anderen te verrassen. Duld niet, dat ik in eenige dwaling vervalle, noch voor het geweld van eenige beleediging , tegenspoed of bekoring bezwijke ; opdat ik, altijd in de waarheid wandelend, aan God behage en mijne ziel zalig make.
Verwerf mij ook, indien het mij zalig is,... Ik smeek u hierom door de gave dier uitstekende wetenschap, die de Vader des lichts zoo overvloedig in uwe ziel gestort heeft, om de wereld te verlichten. Amen.
Onze Vader, enz. Wees gegroet, enz.
Wilt gij mirakelen zien ? enz. bi. HG.
8« DAG.
Liefderijke vertrooster der bedrukten, H. Anto-nius, zie de angsten, die mij kwellen, en verlos mij uit mijnen nood, of bid God , dat Hij mij eene standvastige gelatenheid schenke , om ze te verdragen uit liefde tot Hem, die, hoewel onschuldig , Zich gewaardigd heeft, voor de schuldigen te lijden. Verlaat mij , bid ik u, nooit in mijne rampspoeden, en verwerf den noodigen troost voor allen , die, evenals ik , in nood verkeeren. Heb medelijden met de armen , wien het aan het noodige ontbreekt; met de weduwen en weezen, tlie men, helaas! wreed verdrukt; met onzen H. Vader den Paus, dien men op de bitterste wijze grieft. Droog hun aller trc.nen af; wek beschermers op, die hunne zaak verdedigen; medelijdende harten , die in hunne behoeften voorzien; vertroosters, die hen tot geduld opwekken , opdat zij God getrouw mogen blijven en
'123
. Ik verdienen eenmaal in fe gaan in de vreugde des ende f hemels. Geef mij vooral... Ik smeek u om vloe- dit alles door de groote liefde , die gij alle on-d te gelukkigen toedraagt. Amen.
Onze Vader , enz. Wees gegroet, enz.
Wilt gij mirakelen zien ? enz. bl. 116.
9« DAG.
Groote en getrouwe dienaar van Maria, de nto. nooit volprezen Moeder van Jesus, wees bij Haar een voorspreker voor mij en ai uwe dienaren , mij opdat Zij haren Goddelijken Zoon gunstig voor j ons stemme , en voor ons verwerve : vergiffenis
1UI_ onzer zonden, de noodige genaden om in alle ,,.en omstandigheden een Godgevallig leven te leiden, |jne en krachtigen bijstand in alle ellenden en gevaren, jogt | vooral in onzen doodsstrijd. Verkrijg mij in het .en bijzonder.. . , opdat wij in de genade Gods onze f(a dagen gelukkig mogen eindigen en ons eenmaal
,ee_ met u in de heerlijkheid des hemels mogen verheu-ze ^ gen. Ik smeek u hiei'om door de onuitsprekelijke â ste vreugde, die uwe ziel overstelpte, toen het Kindje .gj. Jesus op uwe armen rustte, door den zoeten troost, .n . dien Maria u op uw sterfbed deed smaken en door
[en uwen heiligen dood, die u voor eeuwig met God
vereenigde. Amen.
en Onze Vader , enz. Wees gegroet, enz.
Wilt gij mirakelen zien ? enz. bl. 116.
I
124
Gebed tot den H. Antonius.
0 H. Antonius, onbevlekte lelie, wier aangename geur tot den hemel opsteeg , en den Zoon Gods tot de aarde deed nederdalen , ik herinner u aan de vreugde , welke gij in de tegenwoordigheid van Jesus gesmaakt hebt, toen Hij Zich gewaardigde u in de gedaante van een aanvallig Kindje te verschijnen en uw minnelijk hart met de volheid zijner vertroosting te verkwikken. Laat mij, o machtige beschermer, aan uwe vreugde deelachtig worden. Wend voor mij bij Jesus, mijnen Heiland, uwe krachtige voorspraak aan, opdat ik waardig worde, datgene te bekomen, wat ik uit mij zeiven niet waardig ben te verkrijgen. (Noem hier de verlangde gunst). Kom mij toch in mijnen nood te hulp en wees mijn troost ten tijde der verdrukking. God, die wonderbaar is in zijne Heiligen , is ook alle bedroefden genadig , voor welke gij bidt. â Laat mij dan niet ongetroost van u heengaan , maar verwerf mij de genade, die ik in mijnen nood zoozeer behoef; verwerf mij vooral ook de genade , steeds met Gods H. Wil tevreden te zijn en in zijne liefde te leven en te sterven. Amen.
IS.
Noveen ter eere van den H. Aloysius.
(Zij begint den 12dequot; Juni).
AANMERKING. Men zou des verkiezende de oefeuingen voor de zes eerste dagen der noveen kunnen bidden op de zes Zondagen, die het teest var den H. Aloysius voorafgaan.
Deze devotie , deo Hemel zoo aangenaam , is door de H. Kerk met groote gunsten verrijkt.
Z H. Paus Clemens XÃI verleende op ieder der zes achtereenvolgende bondagen van welk jaargetijde ook, een vollen aflaat aan hen , die na gebiecht en gecommuniceerd te hebben , in den loop van dien dag eene of andere godvruchtige oefening doen ter eere van den H. Aloysius van Gon-zaga.
Ik kan mij niet onthouden hier het heerlijke woord van onzen H. Vader Leo XIII in herinnering te brengen. Het is ontleend aau een schrijven van Z. H. aan de vereenigiu^ â De Katholieke Jeugd in Italië.quot; Ziehier hoe de H Vader zich. uitdrukt:
âSchoon is het, Aloysius' buitengewone heiligheid door buitengewone eerbetuigingen te vieren ; nog schooner is het, dat deze eerbewijzen hem door de jeugd worden gebracht , want de jeugd kan op haren ghbberigen en gevaarlijken weg niet beter behoed worden dan door het voorbeeld en de bescherming van den schuldeloozen jongeling Aloysius van Gonzaga.quot;
le DAG.
God van goedheid, zie met vaderlijke liefde op ons neder; geef, dat wij ons gebed tot uwe eer, tot verheerlijking der allerheiligste Maagd en van
126
uwen getrouwen dienaar, den H. Aloysius, godvruchtig mogen verrichten. Wij dragen het U op tot dankzegging voor al de genaden, die Gij aan uwe Heiligen en in 't bijzonder aan den H. Aloysius hebt geschonken , en bidden U ootmoedig, ons op zijne voorspraak die deugden te verleenen , waarin deze Heilige zoo wonderbaar heeft uitge-schenen, alsmede al de overige gunsten en genaden , die wij U voor ons zelve en voor anderen vragen.
H. Maagd Maria , wij bidden U om de vurige liefde, die de H. Aloysius U toedroeg, ons al de genaden te verkrijgen, die wij naar ziel en lichaam noodig hebben.
Gebed tot den H. Aloysius.
Onschuld.
H. Aloysius, Toonbeeld en Beschermer der jeugd, gij kunt er u op beroemen, nooit de onschuld des Doopsels verloren, nooit, eene doodzonde bedreven te hebben. En toch zijt gij aan al de verleidingen eener booze en bedrieglijke wereld blootgesteld geweest. Altijd hebt gij aan de genade Gods bereidvaardig en trouw beantwoord, u met groote moeite aan tallooze gevaren onttrokken en niet geaarzeld, de schoonste vooruitzichten in de wereld op te offeren en eene veilige schuilplaats in het klooster te zoeken, ten
in
einde uwe onschuld in veiligheid te brengen en voor God alleen te leven.
Welk eene les voor ons, die misschien reeds zoo menigmaal door zware zonden van God zijn afgeweken en echter dikwijls nog zoo traag zijn in het vermijden van al hetgeen ons andermaal de vriendschap Gods zou kunnen doen verliezen. â Verkrijg ons, o H. Aloysius, de genade , voortaan getrouw aan de inspraken des Hemels te beantwoorden; de zonde steeds als het grootste kwaad te vluchten en liever alles te verliezen dan de liefde en de vriendschap Gods.
O Jesus, wij bidden U om de liefde, die Gij de onschuldige zielen toedraagt, dat wij naar het voorbeeld van den H. Aloysius voortaan in onschuld mogen wandelen en U zoodoende meer en meer behagen.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij d. Vader. 2« DAG.
God van goedheid , enz. hl. 125.
H. Maagd Maria, enz. bi. 126.
Gebed tot den H. Aloysius.
Geest van boetvaardigheid.
O H. Aloysius, gij hadt slechts zulke kleine fouten te beweenen, en hebt nochtans zoovele tranen van berouw gestort; en ik, die zooveel te
128
beweenen heb , ik gevoelde , helaas : zoo weinig berouw. Gij waart zoo uitermate streng tegen uw onschuldig lichaam en ik ontwijk de boetvaardigheid , hoewel myn schuldenlast zoo zwaai is. Uwe strenge boetvaardigheid was voor u meer een middel van verdienste, terwijl zij voor mij het middel ter zaligheid moet wezen. Ach, verkrijg mij toch den moed , eenige boete te doen en de schulden uit te delgen, die ik aan de Goddelijke rechtvaardigheid tot den laatsten penning moet afbetalen. Verkrijg mij vooral, H. Aloysius, dat ik alle kruisjes en moeilijkheden, die God mij zal overzenden, in den geest van boetvaardigheid, en tot uitboeting mijner zonden, met geduld moge dragen.
God, uitdeeler der hemelsche gaven, die in den engelachtigen jongeling, Aloysius, eene wonderbare onschuld van leven met eene gelijke boetvaardigheid vereenigd hebt, verleen door zijne verdiensten en gebeden, dat wij , die hem in zijne onschuld niet gevolgd hebben, hem in zijne boetvaardigheid navolgen. Door Jesus Christus, onzen Heer. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie, enz.
129
jinig 3e DAG.
egen God van goedheid, enz. M. 125.
ooet- H. Maagd Maria, enz. bi. 126.
Gebed tot den H. Aloysius.
neer
my Zuiverheid,
ver- 0 H. Aloysius, die met engelachtige zeden doen versierd zijt, ik , uw zeer onwaardige vereerder, God- beveel u op geheel bijzondere wijze de zuiver-ning heid van mijne ziel en mijn lichaam aan. Ik sius, smeek u door uwe engelachtige reinheid, mij aan 1 mij Jesus Christus, het Lam zonder vlek, en aan zijne heid allerheiligste Moeder, de Maagd der maagden, aan iduld te bevelen, en mij tegen alle zware zonden te behoeden. Gedoog niet, dat ik mij met eenige on-i den zuiverheid besmette; maar als gij ziet, dat ik in â¢bare bekoring of gevaar ben van te zondigen, verwij-rdig- der dan uit mijn hart alle onreine aandoeningen, lien- Wek dan in mij de herinnering op aan de eeuwig-gt; on- heid en aan den gekruisten Jesus, prent in mijn boet- hart het gevoelen der heilige vreeze Gods, en ont-mzen steek mij door de Goddelijke liefde, opdat ik, na u gevolgd te hebben op aarde, verdiene met u God te genieten in den hemel. Amen. (1).
(1) Aflaat van 100 dagen, eens per das te verdienen door het bidden van bovenstaand eebed met een Onze Vader en Wees gegroet (Pius Vil. 6 Maart 1802.)
130
Wij bidden U, o Heer, dat al degenen, die vol- ; gens het voorbeeld van den H. Aioysius trachten te leven in de zuiverheid, waarin uw dienaar zoo wonderbaar heeft uitgeschenen, door de voorspraak van dien Heilige mogen bekomen, dat zij hunne ziel en hun lichaam zuiver en onbesmet tot het einde huns levens bewaren. Door onzen Heer Jesus Christus, uwen Zoon. Amen.
Onze Vader. Wees Gegroet. Glorie, enz.
Â¥ DAG.
God van goedheid , enz. bl. 125.
H. Maagd Maria, enz. bl. I'26.
Gebed tot den H. Aioysius.
fieh oo rsua tnh eld.
H. Aioysius, ware navolger van Jesus, die van Zich zeiven getuigde, altijd den Wil van zijnen hemelschen Vader te doen, gij hebt, naar dit Goddelijk Voorbeeld , de gehoorzaamheid in den heldhaftigsten graad beoefend. Gij kendet geen grooter genoegen dan in alles, altijd en overal te kunnen gehoorzamen aan uwe ouders en oversten , en zóó altijd onfeilbaar zeker te zijn, den WTil Gods te volbrengen.
Verkrijg ons, om uwe volmaakte gehoorzaamheid , dat ook wij deze noodzakelijke deugd volgens onzen staat mogen beminnen en beoefenen.
131
Doe ons begrijpen , dat de ongehoorzaamheid de bron is van tallooze rampen; dat wij , door niet te gehoorzamen, het voorbeeld volgen van Satan, die het eerst geweigerd heeft te gehoorzamen en tot straf naar den afgrond der hel verdreven is. Leer ons inzien , dat alleen in eene stipte gehoorzaamheid ware rust en tevredenheid is te vinden; leer ons in den wil onzer ouders en over stenden Wil van God kennen en volbrengen, opdat wij naar uw voorbeeld gehoorzamende, eenmaal in uwe glorie mogen deele.i.
Goddelijke Zaligmaker , die gehoorzaam geweest zijt tot den dood , ja , tot den dood des kruises, verleen ons de gevraagde gunst, door de voorspraak van uwen gehoorzamen dienaar Aloysius. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie, enz.
5e DAG.
God van goedheid, enz. bl. 125.
H. Maagd Maria, enz. bl. 126.
Gebed tot H. Aloysius.
Ootmoed.
H. Aloysius , gij hebl reeds in uwe teederste jeugd het woord van Jesus begrepen en in beoefening gebracht; « Leert van Mij , dat Ik . .. nederig van Harte ben.quot; Gij liet u hoegenaamd niets voorstaan op uwe hooge geboorte, op den
.
-132
luister van uw roemrijk geslacht, op al den glans, die u omgaf, op alles, wat de toekomst u beloofde. Gij kondet zelfs niet verdragen , dat men u, om uw heldhaftig verzaken aan de wereld , om uwe schoone hoedanigheden of uwe deugden eenigen lof toezwaaide. Door de menschen vergeten of nog liever veracht te worden om Jesus' Wil, dat was uw heilige eerzucht. En hoe meer God u met zijne gunsten en zegeningen overlaadde, des te dieper vernederdet gij u voor Hem.
Uw voorbeeld , H. Aloysius, vervult ons met schaamte. Helaas! onze hoovaardigheid zoekt in alles haar voedsel. Wij zoeken den lof der menschen en schrijven aan ons zelve toe , wat wij enkel aan God te danken hebben. Wij zijn blind voor onze gebreken en kunnen niet verdragen , dat men ons berispt. Wij houden ons voor beter dan anderen, zijn blind voor hunne goede hoedanigheden en al te scherpziend voor hunne onvolmaaktheden. Bid daarom voor ons, o H. Aloysius , opdat de bedreiging des Heeren in ons niet bewaarheid worde: « God weerstaat den hoo-vaardigen maar dat wij integendeel mogen ondervinden wat de H. Schrift verder zegt: clt; maar aan de nederigen schenkt Hij zijne genade.quot;
O Jesus, zachtmoedig en ootmoedig van Harte, maak mijn hart gelijk aan het uwe.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie, enz.
133
6e DAG.
God van goedheid, enz. bl. 125.
H. Maagd Maria, enz. bl. 12ö.
Gebed tot den H. Aloysius.
Liefde,
0 H. Aloysius, serafijn van liefde, van uwe prilste jeugd hebt gij zoo volmaakt mogelijk het groote gebod der liefde beoefend. Uw onschuldig hart werd als met geweld tot God , de bron van alle schoonheid en liefde, getrokken. Hoe vroegtijdig hadt gij begrepen, dat men den goeden God nooit gelijk het behoort., nooit genoeg kan beminnen. Wat al pogingen hebt, gij aangewend orn voortdurend in zijne liefde toe te nemen. Ten volle overtuigd, dat de liefde vooral bestaat in het onderhouden der geboden , in het volbrengen van den Wil Gods, was u geene moeilijkheid te groot, geen offer te zwaar, om u in alles en altijd naar 's Heeren Wil te schikken.
Een hart, zoo vervuld van Gods liefde als het uwe was, moest noodzakelijk den naaste met eene teedere, edelmoedige liefde beminnen. Uw- levendig geloof deed u in hem Jesus zei ven zien. Vandaar uw brandende ijver om allen van dienst te zijn, om aller leed te verlichten, om, zoo mogelijk, allen voor de liefde van den goeden Meester
134
te winnen. Vandaar ook die heldhaftige toewijding aan de verpleging der pestlijders, waardoor gij verdiendet als een slachtoffer en martelaar der liefde te sterven.
H. Aloysius, verkrijg voor ons eene verlichte, edelmoedige, standvastige liefde tot God en den naaste, opdat wij eenmaal in uwen hemelschen luister mogen deelen.
O Jesus, die liet vuur der liefde op de aarde zijt komen brengen , geef ons, om de vurige liefde van den H. Aloysius, dat wij God bovenal en onzen naaste als ons zelve mogen beminnen.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie, enz.
7quot; DAG.
God van goedheid , enz. hl. 125.
H. Maagd Maria, enz. bl. '120.
Gebed tot deu H. Aloysius.
Geest ran gebed.
Engelachtige jongeling, H. Aloysius, die door uwe verheven deugden verdiend hebt, door de H. Kerk als Toonbeeld en Patroon aan de Christelijke jeugd te worden voorgesteld, wij bidden u, zie genadig op ons neder. Leer ons het geheim kennen , dat u in staat stelde, voortdurend al het schijngenot der wereld te verachten en eenig en alleen voor God te leven. â Maar wat
135
zeg ik ? Dat geheim ? . . . Jesus leert het mij kennen, als Hij zegt: « Zonder Mij kunt gij niets doenen « Vraagt en gij zult verkrijgenen nog : « Bidt zonder ophouden.quot; Uoe ons , o H. Aloysius, deze waarheid goed hegrijpen en dit gebod trouw vervullen. Verkrijg, dat wij uw voorbeeld, ons ook in dit opzicht gegeven, voortaan mogen navolgen. Helaas, ik was tot hiertoe zoo nalatig, zoo traag in het gebed , en zoo oneerbiedig, terwijl gij daarin uw grootste genoegen vondt, als 't ware geene verstrooidheid onder hetzelve kendet, en zóó eerbiedig waart, dat wie u zag bidden , onwillekeurig tot godsvrucht gestemd werd. U viel de tijd van bidden steeds te kort en het kostte u de grootste moeite, u van Jesus te verwijderen.
H. Aloysius, leer gij ons bidden en verwerf ons de genade om tot onzen dood toe in een nederig en vertrouwvol gebed te volharden, opdat wij allen zalig worden.
O Jesus, die zoo vurig verlangt, uwe genaden over ons te kunnen uitstorten en daarom zoo herhaaldelijk en dringend tot bidden hebt aangespoord , geef ons, op de voorspraak van dea H. Aloysius, den geest des gebeds. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie , enz.
136
5quot; DAG.
God van goedheid , enz. bl. i2o.
H. Maagd Maria, enz. bl. 126.
Gebed tot den H. Aloysins.
Godsvrucht tot het Allerheiliyste Sacrament en het Jf. Hart.
H. Aloysius, engel der aarde, het kon niet anders of gij moest u, evenals de Engelen des hemels, schier onweerstaanbaar aangetrokken gevoelen door het Sacrament van liefde. En inderdaad , Jesus in zijn H. Sacrament was uw hemel op aarde. Bij Hem bracht gij al den tijd door, waarover gij te beschikken hadt; en toen, door de gehoorzaamheid, die tijd voor u beperkt werd, toen bleek het meer dan ooit, hoe innig uw hart aan dien schat gehecht was. Met geweld moest gij u losrukken van de omhelzingen van uwen Jesus. â En dan uwe HH. Communiën , voorafgegaan door drie dagen van voorbereiding en gevolgd van eene driedaagsche dankzegging! En uwe godsvrucht bij de H. Mis, waaronder gij doorgaans tranen van liefde stortte! !
Ja, de liefde van het Goddelijk Hart bracht u buiten u zeiven, verteerde u van wederliefde. Hoe gaarne hadt gij willen voldoen voor de vergetelheid , de oneerbiedigheden en heiligschen-
-137
nissen, waarvan het Goddelijk Hart het voorwerp is. Hoe vurig badt gij , dat Jesus van alle men-schen mocht gekend en bemind worden !
Moge die wensch en dat gebed te mijnen opzichte in vervulling gaan ! Doe mij altijd beter inzien , hoezeer het Goddelijk Hart in het Allerheiligste Sacrament mijne liefde verdient; hoe billijk het is, niets te weigeren aan Jesus , die mij zoozeer bemind heeft. Verkrijg voor mij de genade, dat ik mijnen Jesus dikwijls, en altijd in een goed voorbereid hart ontvange; dat ik in alle kwellingen en bekoringen tot Hem in zijn H. Sacrament mijn toevlucht reme, en Hem naar best vermogen eerherstel geve , om aldus eenigerma-te aan zijne grenzenlooze liefde te beantwoorden.
O Jesus, schenk mij deze genade om de vurige liefde, die de H. Aloysius U toedroeg.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie, enz.
9« DAG.
God van goedheid , enz. bl. 125.
H. Maagd Maria , enz. bl. Ii26.
Gebed tot den H. Aloysius. Godsvrucht tot de H, Maagd.
« H. Aloysius, zeer getrouwe dienaar van Maria, bid voor ons.quot; Zoo roept men u dikwijls aan, en met alle recht mag men u een o: zeer getrouwen
138
dienaar van de H. Maagdquot; noemen. Gij hebt ten volle beantwoord aan de zorg van uwe godvreezende moeder, die u het eerst met den naam van Jesus, dien van Maria leerde uitspreken; die u met het Onze Vader, het heerlijke Wees gegroet leerde bidden ; die , in één woord , niets verzuimde om u eene allerteederste godsvrucht tot de Koningin des hemels in te boezemen. Eiken dag badt gij hare getijden en andere gebeden te barer eer. Doch niet tevreden Haar door uwe gebeden te vereeren , deedt gij uw best, Haar zooveel mogelijk na te volgen in hare onvergelijkelijke deugden. Door Gods geest gedreven , legdet gij voor hare beeltenis de gelofte van eeuwige zuiverheid af.
In alle omstandigheden mocht gij dan ook de bescherming en de uitstekendste blijken van Maria s moederliefde ondervinden.
Wij bidden u daarom bij de teedere godsvrucht, die gij de allerheiligste Maagd steeds hebt toegedragen, en bij de gunsten, waarmede Zij u tot aan uwen dood heeft overladen, verkrijg voor ons allen een vonkje van uwe brandende liefde tot Haar, die ook onze Moeder is. Wat men u bij uw leven , om de liefde van Jesus en Maria vroeg, kondet gij niet weigeren. En zoudt gij nu deze bede niet verhoeren , waarvan alles afhangt ? Immers de Heiligen leeren mij , dat hij , die den dienst van Maria verwaarloost , in zijne zonden zal sterven ;
139
maar zij zeggen ook, dat « een waar dienaar van Maria niet kan verloren gaan.quot;
O Jesus, geef dat ik naar uw voorbeeld , naar dat van den H. Aloysius en van alle Heiligen , uwe allerheiligste Moeder godvruchtig vereere en vurig beminne. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie, enz.
13.
Noveen ter eere der HH. Martelaren van Goronm.
(Zij begint den 30sten Juni, of, wil men op den (eestdag zelf eindigen , den i8'6quot; Juli.)
Voorbereiding voor eiken dag.
O God , zie op tot mijne hulp.
Heer, haast U om mij te helpen.
Glorie zij den Vader, enz.
1« DAG.
Beschouwen wij op den eersten dag der noveen onze HH. Martelaren in de gevangenis te Gor-cum, waar zij negen dagen onder allerlei smaad, verguizing en ontbering doorbrachten. Onmogelijk te zeggen , wat zij al dien tijd te verduren hadden van woeste soldaten en wreede ketters, die elkaar aanhoudend afwisselden, en wedijverden , wie hen het meest zou kwellen en belee-digen.
Hoewel voortdurend met den dood bedreigd door woestelingen, die er een helsch vermaak in schep-
141
pen, hen door velerhande moordtuigen, zwaarden, geweren, pistolen en stroppen, schrik aan te jagen, blijven de HH. Belijders onverschrokken, bieden God herhaaldelijk het offer van hun leven aan en bidden Hem voor hunne vervolgers.
« Ziet, ik ben bereid,quot; roept Pastoor Leonardus uit, en ontbloot zijn hals, denkende den doode-lijken slag te ontvangen. « God zij geloofd,quot; sprak de waardige Gardiaan , Nicolaas Piek, « dat wij zoo ver gekomen zijn. Ik wil de eerste wezen om den dood te ondergaan ; dobbelen, wie het eerst zal sterven (zooals de beulen voorstelden) is overbodig.quot; â « Heer, in uwe handen beveel ik mijnen geest,quot; zoo verzuchtte Nicolaas van Poppel, toen hem dreigend het pistool op den mond gericht werd. â « God zij gedankt!quot; en « Ik zal den Heer voor u bidden,quot; was het antwoord van den negentigjarigen Willehadus, op al de beleedigingen, die men hem aandeed. â En allen zongen het « Te Deum laudamus,quot; toen zij uitgeleid werden, om â naar zij meenden â ter dood te gaan.
Hoe is het met mij gesteld ? Behoef ook ik den dood niet te vreezen ? Is mijn geweten geheel gerust ? Ben ik ook geduldig in lijden en moeilijkheden ? Bid ik wel dikwijls voor hen, die mij eenig leed veroorzaken ?
142
GEBED (')
HH. Martelaren, wij bidden u, door de verdiensten van uw vreeselijk lijden in den kerker te Gorcum , verwerft ons de genade van met hart en ziel gehecht te blijven aan het Katholiek ge-' loof, waarvoor gij zoo edelmoedig uw leven ten offer gebracht hebt, en steeds zóó te leven, dat wij den dood niet behoeven te vreezen. Bidt God, dat wij , met de troostmiddelen der H. Kerk versterkt , zalig in den Heer mogen ontslapen.
Bidt ook, wij smeeken het u met allen aan- ^ drang, dat de Kerk in Nederland voortdurend in bloei toeneme ; bidt voor onze dwalende land-genooten , opdat zij hunne dwaling inzien , en in de H. Kerk hier rust en vrede en eenmaal de eeuwige zaligheid mogen vinden.
Bidt voor ons, HH. Martelaren van Gorcum,
Opdat wij waardig worden der beloften van Christus.
2® DAG.
O God, zie enz. Glorie zij den Vader, enz.
Den 2den Juli, feestdag van Maria Bezoeking,
(!) Wie seen tijd mocht hebben voor geheel de noveen, bidde b.v. bet â Gebedquot; voor eiken dag, met een Onze Vader , Wees gegroet en Glorie zij den Vade^r.
143
(O. L. V. Visitatie) zou Pastoor Leonardus in de a Ver- kerk van Gorcum prediken. (Twee dagen te merker voren ^gt;'1 men hem uit de gevangenis gehaald it hart orn ^wee ijverige Katholieke burgers, door den k cre_ i meineedigen Brant ter dood veroordeeld, in hunne laatste oogenblikken bij te staan.) De ruime kerk kon nauwelijks de toegestroomde menigte bevatten , waaronder ook vele afvalligen, die verwachtten , dat de Pastoor nu meer in hunnen geest zou preeken. Zij zagen zich echter deerlijk teleurgesteld. Even rustig als voorheen sprak hij over den lof der « Zalige Maagd en Moeder Gods, Koningin des hemels.quot;
In hartroerende bewoordingen wekte hij de zijnen op , Haar steeds vurig te beminnen en aan haren dienst, zoowel als aan het Roomsch-Katho-liek geloof getrouw te blijven. Dit verbitterde de ketters zeer, en zij zonnen op wraak. De gelegenheid daartoe was spoedig gevonden.
Infusschen wist de zuster van Leonardus voor geld te bekomen , dat deze met haar zijne zieke moeder te 's-Bosch mocht gaan bezoeken. Doch te Woudrichem aangekomen, wordt hij andermaal gegrepen. Men ontrukt hem zijn verlofbrief en voert den waardigen priester onder smaad en mishandeling naar Gorcum terug. Door den schandelijksten laster opgehitst, ontving het volk hem met de uiterste verwoedheid. Men vloekte, men
.
-144
sloeg, men schopte, men trapte hem van alle kanten, en wierp hem ten laatste weer in de
gevangenis. C
Al dat lijden was echter niet in staat den Mar- Z
telaar zijn geduld te doen verliezen. Mai
Hoe is het met mij gelegen ? Liet ik mij nooit en
door het menschelijk opzicht van mijn plicht stol
afbrengen ? Ben ik een vurig vereerder van de sch
H. Maagd? Weet ik in alle kwellingen mijn get
geduld te bewaren ? de
der
GEBED.
dig
HH. Martelaren en gij vooral, H. Leonardus, ver
verkrijgt mij de genade, mij voortaan steeds zor
boven het menschelijk opzicht te verheffen. Ver- « J
werft mij eene teedere godsvrucht tot O. L. Vrouw, ik
en maakt, dat ik alle kruisjes in den geest van hai
boetvaardigheid met geduld moge dragen, om als
eens in uwe glorie te deelen. Bidt ook, wij als
smeeken het u met allen aandrang, dat de Kerk en
in Nederland voortdurend in bloei toeneme ; bidt zoi
voor onze dwalende landgenooten, opdat zij hunne op
dwaling inzien en in de H. Kerk hier rust en da
vrede en eenmaal de eeuwige zaligheid mogen le1
vinden. de
Bidt voor ons, HH. Martelaren van Gorcum, he
Opdat wij waardig worden der beloften van dr Christus.
145
3° DAG.
O God, zie enz. Glorie zij den Vader, enz.
Zoo was dan Leonardus weer met de overige Martelaren vereenigd, die allen te zamen baden en elkander tot den istrijd aanmoedigden. De stokoude Willeliadus en de vrome Nicasius lagen schier aanhoudend , ter aarde geknield, in het gebed verzonken. Nicolaas Poppel leed nog aan de gevolgen der gruwelijke mishandelingen van den eersten nacht, en niet minder de kloekmoedige Gardiaan, die, hoezeer ook door zijne bloedverwanten daartoe gepraamd, zich niet alleen en zonder zijne medebroeders wilde laten vrijkoopen. « Met de hulp van Gods genade,quot; sprak hij, « wil ik met hen leven en sterven.quot; Pastoor Leonardus had den vorigen dag te Woudrichem zijne zuster als laatste vaarwel toegeroepen : « O mijne zuster, ais ik hier moet sterven, treur dan niet te zeer en beschouw mijn dood als eene straf voor mijne zonden.quot; En thans hield de nederige man niet op, zijne medegevangenen vergiffenis te vragen , dat hij hen, ofschoon geheel onvrijwillig, in nieuw levensgevaar gebracht had. Hij leed veel aan de zware, vooral inwendige verwondingen, hem daags te voren toegebracht, maar hij verdroeg alles met bewonderenswaardig geduld en N. 10
146
offerde zijn lijden op, om Gods genade over zich en zijne lotyenooten af te trekken. Zoovele en vurige gebeden, en zooveel ootmoed en standvastigheid moesten den Hemel uiterst welgevallig wezen.
Neem ook ik in kwelling terstond mijn toevlucht tot het gebed ? Verneder ik mij diep voor God en vertrouw ik verder op zijne onuitputtelijke barmhartigheid ?
GEBED.
HH. Martelaren, die mij zulk een treffend voorbeeld geeft van ootmoed en van ijver voor het gebed, verwerft mij de genade, mij zei ven steeds te mistrouwen, maar onwrikbaar vast te vertrouwen op God, en in alle voorvallen des levens tot Hem mijn toevlucht te nemen door een vurig gebed. Bidt ook, wij smeeken het u, enz. blz. 142.
4e DAG.
O God, zie enz. Glorie zij den Vader, enz.
In den nacht van den r)llen op den 6ll('n Juli worden onze Helden uit den kerker gehaald en in eene schuit geworpen. Hunne onmenschelijke beulen hebben hen schier van alle kleederen beroofd. Bij het verlaten der stad, riep Leonardus vol ontroering uit; « Gorcum , Gorcum , wat al
147
rampen hangen over u !quot;â De uitkomst heeft zijne voorspelling maar al te zeer bewaarheid. â
Niet lang daarna werden de Heiligen op een mosselschuit overgebracht en zóó dicht op elkander gepakt, dat zij weldra van benauwdheid en dooide bedorven lucht hadden moeten stikken, zoo men hen niet spoedig van vaartuig had doen verwisselen. Thans kwamen zij op een vrachtschip, waarmede zij Zondag in den morgen te Dordrecht aanlandden. De afvallige Van Omal, nu hun geleider, ging met de zijnen de stad in, om zich naar hartelust aan spijs en drank te goed te doen, terwijl hij de Martelaren zonder eenig voedsel in het schip achterliet, ten spot hunner wachters eu van het toestroomend gepeupel, dat zich in hun lijden verlustigde en hen op de schromelijkste wijze verguisde.
En de Martelaars ? Zij richten hart en blikken hemelwaarts en verduren alles met een onverwinbaar geduld.
Hunne lage bewakers hebben intusschen een middel verzonnen om hunne hebzucht te voldoen. Zij spannen een zeil uit, en voor een drinkpenning mag iedereen de geloofshelden van nabij zien en zijnen spotlust te hunnen opzichte bot vieren. Nu zijn dan die heldhaftige strijders in den vollen zin des woords een schouwspel voor de menschen, evenals voor God en het gansche hemel-
148
hof. Hoe dieper zij vernederd worden door de menschen , hoe grooter zij worden voor God en den hemel, â Hoe valsch en bedrieglijk is toch het oordeel der wereld !
Denk ook ik in lijden en kwelling wel eens aan het loon , dal God bereidt voor zijne uitverkorenen ? Tracht ik door geduld en liefde mij de kroon des hemels waardig te maken ?
GEBED.
HH. Martelaren, ik bid u bij het lijden, dat gij op uwe overvaart en verder te Dordrecht verduurd hebt, mij de genade te verwerven, dat ik bij onwaardige behandeling van de menschen mijne gedachten hemelwaarts moge richten; dat ik het oordeel der wereld moge verachten en eenig en alleen aan God zoeke te behagen.
Bidt ook , enz. blz. 142.
5® DAG.
O God, zie enz. Glorie zij den Vader, enz.
Van Omal, die een groot gedeelte van den dag in de stad goede sier maakte, zonder naar de Martelaren om te zien, keerde in den namiddag met zijne trawanten naar het schip terug, om de reis naar Brielle voort te zetten. Den nacht van Zondag op Maandag, 7dequot; Juli, brengen onze helden op het vaartuig in honger en
149
koude door. Nauwelijks is echter de dag aangebroken , of de woeste Lumey, de veroveraar van den Briel, ijlt met zijn gevolg naar de haven. Hij beschouwt de Heiligen onder een hoonenden schaterlach en gebiedt, dat zij een voor een het vaartuig zullen verlaten en voor hem nederknie-len. Daarna worden zij, twee aan twee gebonden, rondom eene galg en vervolgens in spotprocessie naar en door de stad geleid. Alom hoort men de grofste bespottingen en de afschuwelijkste godslasteringen uitbraken. En de dienaren Gods voelen zich het hart als ineenkrimpen bij elk dier hemeltergende beleedigingen en vervloekingen. Doch hoort! Ook zij verheffen hunne stem; maar het is, om het Salve Regina en het Te Dcum laudanum te zingen. Op de markt aangekomen, laat men hen weer driemast om de opgerichte galg trekken, onder het zingen van de Litanie van alle Heiligen, gevolgd door een lofzang ter eere der H. Maagd.
Vergeten wij toch niet, waarvoor en hoe onze geloofshelden lijden. Vergelijken wij hun gedrag met dat hunner vervolgers. Hoe straalt hier de luister der waarheid ; hoe maken hier de afvalligen zich zelve en hunne dwaalleer te schande !
Bedank ik God dikwijls voor de gave des ge-loofs ? Hoe gedraag ik mij bij het hooren van godslasterlijke of zedelooze taal ? Tracht ik dan
-150
lt;loor een hartelijk schietgebed God daarvoor eerherstel aan te bieden ?
GEBED.
HH. Martelaren, wat vreeselijk lijden moet uw hart overstelpt hebben , als ^ij getuigen moest zijn van zooveel goddeloosheid , en onophoudelijk de ijselijkste vloeken en verwenschingen moest booren. Ik smeek U bij al dat lijden, het besluit te zegenen, dat ik thans maak: Ik wil dikwijls bidden voor de ongelukkige zondaai's, en hoor ik ooit godslastering of zedelooze taal , dan wil ik O. L. Heer daarvoor eerherstel aanbieden , door aanstonds te verzuchten ; « Geloofd zij Jesus Christus!quot; Bidt voor mij , HH. Martelaren , opdat ik dit voornemen getrouw ten uitvoer brenge.
Bidt ook , enz. blz. 142.
6« DAG.
0 God , zie enz. Glorie zij den Vader, enz.
Na die gedwongen processie rondom de galg, werden onze HH. Bloedgetuigen in een allervuilst dieven kot geworpen , waar zij een nieuwen lotgenoot aantroll'en in den persoon van Andreas Wouters, pastoor van Heijnoort, een dorp nabij Dordrecht; terwijl een half uur later nog twee Norbertijnen, Adrianus van Hilvarenbeek en .Tacobus Lacops, werden binnengebracht. Om drie
151
uur in den namiddag werden zij , uitgeput van van honger en vermoeienis, uit hun kerkerhol gevoerd en een voor een op het stadhuis in bij--» zijn van Lumey over hun geloof ondervraagd. Standvastig Leieden or.ze Helden de onvervalschte leer onzer Moeder de H. Kerk , en Pastoor Leo-nardus werd om zijne vrijmoedige antwoorden eerst in den hals en daarna met een hamer op het hoofd geslagen , dat het bloed er uit stroomde. Na dit verhoor bracht men hen weer naar de gevangenis. Des anderendaags, Dinsdag 8 Juli, moesten 7 hunner andermaal op het stadhuis een i, nieuw en scherper verhoor oudergaan. De eerste vraag betrof den Paus. Dan, trouw en onvervaard verdedigden o. a. Pastoor Leonardus en de Gardiaan de rechten van Christus' Stedehouder op aarde. Daarop kwam het geloof omtrent het Allerheiligste Sacrament ter sprake, wat even kloeke verdedigers vond in de twee genoemde Norbertijnen. Ook de overigen stonden pal in de belijdenis van het Katholiek geloof, en allen wer
st den weer naar de gevangenis gevoerd.
⢠Op den avond van denzelfden dag hield Lumey
is de beruchte slemppartij, waarop hij onze Heiligen
ij ter dood veroordeelde.
e Durf ook ik moedig voor mijn geloof uitko-
i- men ? Brandt ook mijn hart van liefde voor het
e Allerheiligste Sacrament ?
152
Is mijn gedrag in de kerk niet in tegenspraak met mijn geloof? Bid ik dikwijls voor O. H. Vader den Paus ?
GEBED.
HU. Martelaren, geeft, dat uw voorbeeld diep in mijn liart gegrift worde. Verwerft mij een vurig en levendig geloof en de kracht en de genade , om er steeds moedig voor uit te komen. Verkrijgt mij tevens eene brandende liefde voor bet Allerheiligste Sacrament, alsook dat ik innig verbonden blijve aan den Paus , den Bisschop en geheel onze geestelijke overheid, om onder hunne leiding trouw den strijd des levens te strijden en eenmaal den hemel te verdienen.
Bidt ook , enz. hl. 142.
7e DAG.
O God, zie enz. Glorie zij den Vader, enz.
Stel u heden het martelveld te Brielle voor in den nacht tusschen Dinsdag en Woensdag, 9,1,'n Juli 1572. Enkele weken te voren stond hier een klooster, dat echter reeds door de ketters verwoest en gesloopt is; alleen eene turfschuur met twee balken is nog overgebleven. Hier nu zal het lijden onzer Heiligen met den marteldood bekroond worden.
Midden in den nacht â juist heeft de torenklok van den Briel één uur geslagen â worden
â 153
zij , door eene woeste bende soldaten te voet en te paard, onder de grofste beleedigingen en ver-wenschingen ter stadspoort uitgeleid naar liet martelveld. Op alles bedacht, hadden de dienaren Gods zich intusschen door de biecht tot den laat-sten en beslissenden slrijd voorbereid.
Welk een aandoenlijk tooneel ! De beulen grijpen hen verwoed aan , rukken hun de kleederen van het lichaam en bereiden de stroppen. De onversaagde Gardiaan neemt een roerend afscheid van de zijnen, beklimt het eerst de ladder en blijft, zoo lang hij spreken kan, allen vermanen tot standvastigheid. Dan volgen de anderen, terwijl Leonardus, Nicolaas van Poppel, de Vicaris Hieronymus en vooral Nicasius rondgaan om hunne broeders te bemoedigen en te versterken tegen de verleiding der ketters. Godefridus van Duynen zou den eerbiedwaardigen stoet sluiten. Vol bei-lig ongeduld roept hij, de ladder bestijgende, uit: « Haast u , bid ik u , en brengt mij bij mijne broeders, want ik zie den hemel open.quot;
Maar ach! thans, nu zij jubelend den laatsten strijd onderstaan en den palm der Martelaren gaan bemachtigen, komt eene vreeselijke smart hunne ziel pijnigen : twee hunner medegevangenen bezwijken helaas ! voor de verleiding. Wat grievend hartzeer deze afval den heldhaftigen Bloedgetuigen veroorzaakte, is niet te beschrijven. « Niet om
454
mijnen doodroept Hieronymus, reeds op de ladder staande, « maar om dien afval ben ik bedroefd.quot;
Hoe is het met mij gesteld ? Vlucht ik, over- » tuigd van mijne zwakheid, zoo veel ik kan, alle gelegenheid tot zonde ? Waak ik, naar best vermogen , voor de onschuld van allen , die mij zijn toevertrouwd? Bid ik dikwijls voor de zondaars ?
GEBED.
HH. Martelaren van Gorkum , wij bidden u,
door de verdiensten van uwen smartelijken doodsstrijd , behoedt ons en de onzen tegen alle ver- t leiding Verkrijgt ook, dat wij zelve zooveel mogelijk alle verleiders vluchten, en allen , die ons zijn toevertrouwd , naar best vermogen bewaren en beschermen , door hen verwijderd te houden van gevaarlijke plaatsen en gezelschappen ;
opdat wij in ons laatste uur met Jesus kunnen zeggen: «Heer, niet één dergenen, die Gij mij hebt toevertrouwd , is verloren gegaan.quot;
Bidt ook, enz. blz. 142.
'
8e DAG.
O God , zie enz. Glorie zij den Vader , enz.
« Ik zie den hemel openquot; , sprak de H. Gode-fridus van Duynen. In den hemel, ja, daar zullen na enkele uren onze heldhaftige strijders
155
vereenigd zijn, en de kroon dragen, die de Gardiaan zag blinken en liet eerst ontving.
Doch welk een schouwspel biedt de martel- ' schuur thans aan! Daar hangen de HH. Geloofshelden , allen óf gestorven óf zieltogend ; vijftien aan één langen balk ; aan een anderen balk Godefridus van Duynen tusschen den Gardiaan en den leekebroeder Cornelius, terwijl men den Norbertijn Jacobus aan eene ladder heeft opgehangen.
Uiterst ruw en achteloos gingen de beulen te werk : de eene Martelaar heeft het koord in den mond, zooals Pater Nicasius; een ander onder de kin ; bij anderen nog was het niet. strak aangehaald, zoodat sommigen een zeer langen doodsstrijd hadden en bij klaarlichten dag nog leefden, gelijk o. a. het geval was met Nicolaas van Pop-pel. â Het beulenwerk had van twee tot vier uren geduurd.
De haat der onmenschen is echter nog niet bevredigd. Zij verminken die eerbiedwaardige lichamen op de schromelijkste wijze en laten hen zoo hangen ten spot der menigte. Dan, werpen wij liever een sluier over de hemeltergende baldadigheden , die er verder met de overblijfselen der HH. Bloedgetuigen gepleegd werden.
In den namiddag kwam gelukkig een brave Katholiek van Gorcum, die voor geld het verlof
150
wist te verkrijgen , de heilige lichamen te mogen begraven. Zij werden in twee groeven gelegd, die men onder de beide balken had gedolven.
Heb ik een grooten eerbied voor de reliquieën van Gods lieve Heiligen ? Vereer ik ze godvruchtig, als ik daartoe in de gelegenheid ben ? Roep ik met vertrouwen de voorspraak der Heiligen in ?
GEBEO.
HH. Martelaren, die ten einde toe volhard hebt in den feilen strijd , dien gij om wille van uw geloof hadt te onderstaan, verwerft mij door uwe voorspraak al wat mij naar ziel of lichaam voor-deelig is, inzonderheid dat ik moge volharden in den strijd tegen mijne geestelijke vijanden, opdat ook ik eenmaal van den Heer het loon moge ontvangen , dat aan de volharding in den dienst Gods beloofd is. Bidt ook, enz. blz. 142.
9® DAG.
O God , zie enz. Glorie zij den Vader , enz.
God verheerlijkte intusschen al aanstonds zijne trouwe Bloedgetuigen door schitterende mirakelen. Om 4 uur in den morgen, gelijk wij zagen, werd het doodvonnis aan de laatsten der HH. Martelaren voltrokken, en juist op hetzelfde uur verschenen zij aan twee brave Katholieken van Gorcum. Zij vertoonden zich, negentien in getal , met van vreugde stralend gelaat, vol bovenaardschen
157
glans, met een witte stool omhangen en een gouden kroon op het hoofd. â Zoo wilde dan de goede God hen, die om zijnentwil zooveel smaad en verguizing geleden hadden, vereerd en aangeroepen zien, en dit reeds terwijl verscheidenen hunner den geest nog niet gegeven hadden, en hunne vijanden en het gepeupel zich nog op de schro-melijkste wijze aan hunne eerbiedwaardige overblijfselen vergrepen.
Van dien stond af begonnen de geloovigen hen aan te roepen en in het geheim hun graf te bezoeken.
Die vereering werd niet weinig bevorderd dooide zaligverklaring onzer roemrijke Melden in 1G75. Nog hooger eer en onderscheiding viel hun te beurt, toen Z. H. Paus Pius IX hen plechtig heilig verklaarde, den 29ften Juni 1867. De H. Kerk vierde op dien dag het 18de eeuwfeest van den marteldood der HH. Apostelen Petrus en Paulus. Dit heuglijk feest was door den H. Vader uitgekozen voor de verheerlijking onzer 19 HH. Martelaren.
Sinds nam hunne vereering nog steeds hooger vlucht, en thans stroomen de pelgrims van heinde en verre bij duizenden naar hun graf, worden door de gansche wereld hunne heilige reliquieën vereerd , hunne medailles gedragen , novenen te hunner eer gehouden en hunne hulp en bijstand ingeroepen.
158
Moge die vereering altijd meer algemeen worden ; mogen al onze Katholieke landgenooten de voorbeelden volgen, ons door de HH. Martelaren gegeven, en in allen druk en nood door hen geholpen worden.
Hoe is het gesteld met mijne devotie tot onze glorierijke Helden ? Stel ik een groot vertrouwen op hunne machtige voorbede ? Denk ik dikwijls aan het verheven voorbeeld , dat zij ons hebben nagelaten, en tracht ik het. naar omstandigheden, althans in de verte , na te volgen ?
GEBED.
HH. Martelaren, ik loof en dank met u den goeden God, die u des te hooger verhief, naarmate gij hier voor Hem meer vernederd zijt geweest. Ik prijs en vereer u en verheug mij in uw geluk en uwe glorie. Ik bid u, verwerft mij de genade, dat ik uwe heerlijke voorbeelden van liefde tot God en de H. Maagd , van ijver voor het gebed , geduld in het lijden , vergevingsgezindheid jegens uwe vijanden, godsvrucht tot het Allerheiligste Sacrament, onwrikbare gehechtheid aan de H. Kerk en haar zichtbaar Opperhoofd, den Paus, en uwe overige deugden naar best vermogen navolge , en eens in uwen hemelschen
luister moge deelen. Bidt ook, enz. bl.
--
ie
'n . Noveen ter eere van den H. Vinoentius
a Paulo.
-e * (Zij begint den -IOden Juli.)
n Vuor de Aflaiuu , ziu AANMERKING, blz. 7.
Voorbereiding voor eiken dasf.
n
O God , zie o|j tot mijne hulp.
Heei*, haast U om mij te helpen. Glorie zij den Vader , enz.
1quot; DAG.
Geloof van den H. Vineentins.
Het geloof is de volmaaktste hulde, diedemensch i aan God, de eeuwige waarheid zelve, bewijzen
j kan. Het geloof alleen echter zal ons niet ter
i zaligheid baten : wij moeten ons gedrag volgens
r de waarheden des geloofs inrichten. Van dat le
vendig en werkdadig geloof geeft ons de H. Vin-t centius het heerlijkste voorbeeld.
I * « Houdtzoo zegt hij, « de H. Kerk ons een
of andere waarheid des geloofs voor, dan kunnen wij ons onmogelijk bedriegen met ons daaraan te onderwerpen en dat vastelijk te gelooven.quot;
Hij dankte den goeden God vurig voor de onwaardeerbare gave des geloofs. Veel heeft hij voor
160
zijn geloof geleden ; doch nooit heeft hij zich over hetzelve geschaamd, nooit daarin gewankeld. Alle bekoringen, hetzij van den duivel, hetzij van hen , die zich zijne vrienden noemden , dienden slechts om hem met verdiensten te verrijken, hem vaster in zijn geloof te bevestigen en inet grooteren ijver te bezielen, om anderen voor de dwaling te behoeden.
Alle zaken en gebeurtenissen beschouwde hij , niet volgens de valsche grondstellingen der wereld, maar volgens het onbedrieglijke licht des geloofs. In alles liet hij zich door het geloof leiden. Door het geloof zag hij in de armen en ongelukkigen de bijzondere vrienden van God, en het woord des Heeren stond hem steeds levendig voor den geest: « Wat gij een dezer mijner geringste broeders gedaan hebt, dat hebt gij Mij gedaan.quot;
Bedank ook ik den goeden God dikwijls voor de gave des geloofs ? Bid ik menigmaal voor de ongeloovigen en ketters, en voor de missionarissen, die aan de bekeering dier ongelukkigen arbeiden ? Ben ik ook bereid, hen naar best vermogen door gebed en aalmoezen te ondersteunen ? Richt ik mijn gedrag in naar de voorschriften van het geloof? Vermijd ik zooveel mogelijk al wat mijn geloof in gevaar zou kunnen brengen, als slechte boeken en goddelooze menschen ?
161
GEBED.
O God, die den H. Vincenlius geleerd hebt, in alles het geloof te raadplegen en zich door hetzelve te laten geleiden, geef, smeeken wij U door zijne voorspraak, dat ook wij altijd ons gedrag naar ons heilig geloof inrichten en alles bij het licht des geloofs beschouwen, U zoodoende grootelijks behagen en vele verdiensten voor den hemel vergaderen mogen. Amen.
H. Maagd Maria, H. Joseph , mijn H. Engelbewaarder, mijne HH. Patronen en alle Engelen en Heiligen , bidt voor ons.
Gebed tot den H. Vincentius a Piiulo.
(Gemaakt door Z. H. Paus Leo XIII en verrijkt met 100 daireti aflaat).
O glorierijke H. Vincentius, Patroon van alle vereenigiiigen tot beoefening der naastenliefde en Vader van alle ongelukkigen , die gedurende uw leven geen van hen, die tot u hun toevlucht namen , van u hebt gestooten ; zie , onder welke ellende wij zuchten, en kom ons te hulp. Verkrijg van den Heer voor de armen ondersteuning, voor de zieken verlichting, voor de bedrukten troost, voor de rijken naastenliefde, voor de zondaars de bekeering , voor de priesters den ijver, vrede voor de Kerk, rust voor de volken en voor allen de N. 11
102
zaligheid. Zoo zullen allen de kracht ondervinden van uwe liefderijke voorspraak - zoo zullen allen, door u vertroost in de ellenden van dit leven, met u kunnen komen in de plaats, waar geen rouw is, geen klacht, geen smart, maar het geluk, de vreugde en de eeuwige zaligheid. Amen.
'2e DAG.
O God , zie enz. Glorie zij den Vader, enz.
De H. Vincentins leerling en navolger van Jesus Christus.
De Zoon Gods is mensch geworden niet slechts om ons van den eeuwigen dood te verlossen, maar ook om ons door zijn voorbeeld en zijne leer den weg naar den hemel te toonen. Ook thans nog roept Jesus ons gedurig toe ; « Leert van Mij !quot;
Van deze liefdevolle uitnoodiging, die zoo weinigen weten te benuttigen, maakte de H. Vin-centius een veelvuldig gebruik.
Hij zeide daaromtrent: « Wij moeten er ons werk van maken geheel onzen levenswandel in te richten naar de leer van Jesus Christus , die nooit kan bedriegen, en niet naar de bedrieglijke grondstellingen der wereld. Wij moeten het besluit maken, den Zoon Gods na te volgen.
103
ï
n En zijn gedrag ? Men kan in volle waarheid
i, zeggen, dat geheel zijn leven beantwoordt aan
ït de gevoelens, in deze woorden uitgedrukt. Jesus
s, Christus was zijn voornaamste Leermeester. Hij
le raadpleegde Hem in alle omstandigheden , over
woog aandachtig de woorden en daden des Zaligmakers, en vroeg zich telkens af: «Hoe zou Jesus Christus, in mijne plaats zijnde, in dit geval spreken of handelen ?quot; Eiken dag las hij met diepen eerbied , eenvoudig geloof en de zuiverste meening het H. Evangelie; daclit daarover na en paste het gelezene op zich zeiven toe , om its daaruit heilzame lessen te trekken en immer meer n5 aan zijn Goddelijk Toonbeeld gelijkvormig te ne worden.
'ok
srt Hoe gedraag ik mij in dit opzicht ?
Verlang ik vurig Jesus Christus altijd beter te .ei_ leeren kennen ? Lees ik gaarne het H. Evange-in_ lie en andere geestelijke boeken ? Hoe hoor ik de onderrichtingen aan ? Tracht ik de lessen, ons ^'e Jesus mij daarin geeft, in beoefening te bren-i te gen ? Denk ik wel eens , naar het voorbeeld van Doit e'en H. Vincentius: « Hoe zou Jesus Christus, jke 'n mijne plaats zijnde , in dit geval spreken of be- handelen ?quot;
164
CEDED.
Geef ons , o Heer Jesus , wij smeeken er U om door de voorspraak van uwen trouwen leerling, den H. Vincentius, niet alleen een oplettenden geest, om naar uw heilig woord te luisteren, maar vooral ook een leerzaam hart, om uwe onderrichtingen en lessen in beoefening te brengen.
H. Maagd Maria, H. Joseph, mijn H. Engelbewaarder, mijne HH. Patronen en alle Engelen en Heiligen , bidt voor ons.
Gebed tot den H. Vincentius a Paulo, bl. 161.
3e DAG.
O God , zie enz. Glorie zij den Vader, enz.
Zachtmoedigheid van den H. Vincentius.
Jesus Christus , onze hemelsche Leermeester , wil, dat wij op de eerste plaats van Hem de zachtmoedigheid zullen leeren. « Leert van Mij , dat Ik zachtmoedig ... van harte ben.quot; Wilt gij deze les in toepassing brengen en uw Goddelijk Toonbeeld navolgen , houd dan uw gemoed in vrede, beteugel uwe ongeregelde hartstochten, vooral de gramschap, en vermijd de onrust en gejaagdheid bij uwe bezigheden.
« Somtijds,quot; zoo zegt ons de H. Vincentius, « is een zacht woord voldoende om een verharden zondaar te bekeeren, terwijl een stuursch
165
en bits woord genoeg is, om hem mistroostig te n maken en hem een noodlottig hartzeer te veroor-
y, zaken. De zachtmoedigheid is eene uitstekende
n deugd, om de zielen voor God te winnen.quot;
, Op voortreffelijke wijze heeft, onze Heilige die
i- eerste les van Jesus beoefend. En nu houde men
i. in het oog, dat zijn gramstorige aard hem het
1- verkrijgen dezer deugd zeer moeilijk , maar ook
n des te noodzakelijker maakte. Door het over
wegen van de lessen en voorbeelden van Jesus, [. door zijn vurig gebed om bijstand in het bestrij
den der gramschap, en door zijn ernstigen wil om elke opwelling van gramschap terstond tegen te gaan, bracht hij het eindelijk zoover, dat hij in de moeilijkste omstandigheden en tegenover de lastigste personen eene onverstoorbare kalmte ' bewaarde, zoodat iedereen hem als een voorbeeld
van zachtmoedigheid aanzag, en niemand kon ' vermoeden, wat zwaren strijd het verkrijgen
'J dezer beminnelijke deugd hem gekost had.
^ Volg ik hierin het voorbeeld van den H. Vin-
'' eentius na ? Vermijd ik zorgvuldig de onrust
11 en gejaagdheid bij mijn werk , en meer nog alle
driftige woorden of handelingen ten opzichte van ' iemand, die mij hindert of tot last verstrekt ?
Bedenk ik wel, dat hevigheid en drift slechts dienen om ons zelve en anderen ongelukkig te
166
maken? Welke middelen wend ik aan, om mij de zoo noodzakelijke deugd van zachtmoedigheid eigen te maken ?
GEBED.
O Jesus Christus, Goddelijk Toonbeeld van zachtmoedigheid, die steeds met de grootste minzaamheid de onwaardigste bejegeningen hebt verdragen , en zelfs nog aan het kruis op zulk eene hartroerende wijze voor uwe vijanden gebeden hebt, verleen ons door de voorspraak van uwen waren navolger, den H. Vincentius , dat ook wij waarlijk zachtmoedig van harte mogen worden , opdat wij , volgens uwe belofte, de aarde â het land der levenden â mogen bezitten. â O Jesus, zachtmoedig en ootmoedig van harte, maak mijn hart gelijk aan het uwe.
H. Maagd Maria, H. Joseph, mijn H. Engelbewaarder, mijne HU. Patronen en alle Engelen en Heiligen , bidt voor ons.
Gebed tot den H . Vincentius a Paulo, hl. 161.
4» DAG.
O God, zie enz. Glorie zij den Vader , enz.
Ootmoedigheid van den H. Vincentius.
De ootmoedigheid is niet alleen de deugd der volmaakte Christenen ; zij is volstrekt noodzakelijk voor al wie zalig wil worden. Tot iedereen
107
zegt onze Goddelijke Zaligmaker: «Leert van Mij , dat Ik zachtmoedig en ootmoedig van harte ben.quot; De H. Vincentius legde er zich zóó ijverig op toe, dat men deze deugd veilig zijn lievelings-deugd mag noemen. Hij wil , dat wij God dikwijls om de ootmoedigheid zullen bidden en zegt o. a. : « Wij moeten â als iets goed uitvalt â aan God al de glorie geven en voor ons zelve niets behouden dan de schande en verachting; dat is alles, wat ons toekomt. Van deze waarheid moet iedereen overtuigd zijn en tot zich zeiven zeggen: « Al bezat, ik alle deugden â zoo dit mogelijk was â zonder de ootmoedigheid, dan bedrieg ik mij grootelijks, en terwijl ik meen deugdzaam te zijn, ben ik niets dan een hoovaar-dige Farizeër.quot;
Met deze zijne gevoelens stemmen zijne daden volkomen overeen. Hij wenschte, dat iedereen zijne geringe afkomst kende, hem voor onwetend en onbekwaam hield, en als zoodanig behandelde. Met de uiterste zorg vermeed hij, te spreken over alles, wat hem tot lof kon verstrekken. Hij beschouwde zich zeiven enkel in staat om alles te bederven.
«Aan de oot moedigen ,quot; zegt de H. Schrift, « schenkt God zijne genade en « Wie zich verheft , zal vernederd , en wie zich vernedert, zal verheven worden.quot; Zouden wij in de groote wer-
168
ken, die de nederige Vincentius tot stand bracht, niet de verwezenlijking dezer godspraak mogen zien ?
Ben ik diep overtuigd van mijne nietigheid en mijne onmacht, om uit mij zeiven iets goeds te doen ? Schrijf ik den goeden uitslag mijner pogingen enkel aan God toe en geef ik Hem alleen de eer ? Maak ik mij nooit aan grootspraak schuldig? Denk ik wel eens aan het voorbeeld van Jesus, die Zich zoo onbegrijpelijk diep heeft vernederd , om ons de ootmoedigheid te leeren ?
GEBED.
Oneindig heilige God, die met welgevallen uwen dienaar Vincentius beschouwdet, terwijl hij zich zoo diep voor U vernederde, en zich alle gunsten onwaardig achtte , â¢wij bidden U, geef ons, door zijne voorspraak , dat wij de lessen en voorbeelden van nederigheid, ons door uwen Goddelijken Zoon gegeven , steeds in oefening brengen en ons aldus uwe overvloedigste gunsten en genaden zooveel mogelijk waardig maken.
H. Maagd Maria, H. .loseph , mijn H. Engelbewaarder, mijne HH. Patronen en alle Engelen en Heiligen , bidt voor ons.
Gebed tot den H. Vincentius a Paulo, biz. 161.
169
5quot; DAG.
O God , zie enz. Glorie zij den Vader, enz.
Vincentius' Hoop en Betrouwen op God.
Zóó rijk in deugden is liet leven van den H. Vincentius, dat eene keuze moeilijk wordt. Wie denkt hier niet onwillekeurig aan zijne liefde tol God, zijne godsvrucht tot het Allerheiligste Sacrament des Altaars en tot de H. Maagd Maria, zijn eenvoud en zijne voorzichtigheid, zijne standvastigheid en zijn geduld in kwellingen, en eene menigte andere deugden, die hij in heldhaftigen graad beoefende ?
Beschouwen wij heden in dien Heilige eene deugd , die den goeden God grootelijks verheerlijkt, ons met verdiensten voor het eeuwige leven verrijkt, en bij al het lijden, dat ons treft, den zoo gewenschten vrede des harten doet bewaren ; nl. de hoop en het betrouwen op God.
Ziehier, wat Vincentius daaromtrent aan een deugdzaam persoon schreef: « Ontlast uw gemoed van alles, wat u hindert; God zal er voor zorgen. . . . Geef u, ik smeek het u, aan Hem over ; reken op Hem... Toen hem eens iemand vroeg, of men in de hoop en het vertrouwen op God te ver kon gaan , gaf hij ten antwoord : « Gelijk men de geloofswaarheden niet te veel kan geloo-ven, zoo kan men ook niet te veel op God
170
hopen. Men kan, we! is waar, misdoen, door dingen te hopen , die God niet beloofd heeft, of wel te hopen, wat Hij alleen beloofd heeft onder voorwaarde, terwijl men die voorwaarde niet wil vervullen. Maar de ware hoop kan nooit te groot zijn , omdat zij haren grond heeft in Gods goedheid en de verdiensten van Jesus Christus.quot;
En zijn gedrag was de trouwe weerklank dezer woorden. Niet slechts hoopte hij met een onwrikbaar vertrouwen , dat O. L. Heer hem de eeuwige zaligheid en alle daartoe noodige middelen zou verleenen; maar hij strekte dit heilig vertrouwen tot al zijne ondernemingen uit. Men kan in waarheid van hem zeggen, dat hij zijn betrouwen op God heeft gesteld, wanneer hij, volgens allen menschelijken schijn, het minst reden had van te betrouwen , en dus hoopte tegen alle hoop in. â En gelijk zijn geloof, zoo was ook zijne hoop eenvoudig en zuiver en steunde alleen op God. Zijne diepe ootmoedigheid toch, wel verre van een hinderpaal voor zijn vertrouwen te wezen , maakte het des te zuiverder en sterker. In zijne nederigheid deed hij, wat hij meende dat God van hem verlangde , en gaf zich overigens rustig en onbekommerd aan diens leiding over. En niet zelden toonde O. L. Heer op wondervolle wijze, hoe welgevallig Hem het onwankelbaar vertrouwen van zijn dienaar was.
âI
171
oor Hoe is het met mijne hoop gestehi ? Vertrouw
of ik vast, dat God het mij niet aan de noodige ge-
Jer naden zal laten ontbreken, om mijne zaligheid te
wil bewerken, als ik van mijnen kant mijn best doe ?
oot ik ook met vertrouwen ? Houd ik mij over-
ed. tuigd, dat de maat van mijn vertrouwen de maat is der genaden , die ik zal verkrijgen ? Stel ik
zer mijn vertrouwen niet op mijne verdiensten, maar
3n- op Gods beloften en de verdiensten van Jesus
de Christus ?
de-
GEBED.
dig
[en O God van goedheid en barmhartigheid, Gij
;ijn overlaadt ons voortdurend met uwe weldaden;
â¢oi_ Gij hebt zelfs uwen eenigen Zoon niet gespaard ,
len maar Hem aan den schandelijksten en pijnlijksten
die dood overgeleverd, om ons van den eeuwigen dood
jok te verlossen en ons den hemel te openen. Dank
3en voor zooveel liefde en barmhartigheid ! Geef ons,
,vel om de verdiensten van uwen Goddelijken Zoon ,
i te op de voorspraak van den H. Vincentius, dat wij
:er. voortaan nooit meer toegeven aan een mistrou-
ide wen , dat U zoozeer mishaagt; maar U integen-
'ii- deel altijd verheerlijken door een groot en on-
ing wankelbaar vertrouwen, dat U zoo aangenaam en
an- ons zoo voordeelig is. â Op U, o Heer, heb ik
on- mijne hoop gesteld , en in eeuwigheid zal ik niet beschaamd worden. Amen.
,
17'i
H. Maagd Maria, H. Joseph, mijn H. Engelbewaarder, mijne HH. Patronen en alle Engelen en Heiligen , bidt voor ons.
Gebed tot den H. Vincentius a Paulo. bl. 461.
6e DAG.
0 God , zie enz. Glorie zij den Vader, enz. Liefde van den H. Vincentius voor de kleinen.
Uiterst treilend is het verhaal van het H. Evangelie, waar ons de liefde van Jesus voor de kinderen geschetst wordt; aandoenlijk het tafereel, dat ons den Goddelijken Kindervriend te midden der kleinen voorstelt, terwijl Hij allen minzaam ontvangt, hen liefkoost en zegent. Aandoenlijk ook is de voorstelling van den H. Vincentius met een teeder wichtje in den arm en nog een of twee kleinen, die hem aan de hand of bij zijn kleed houden ; uiterst treffend en aangrijpend ook is het tooneel, waarin hij ons wordt voorgesteld, terwijl hij de zaak dier kleinen voor de liefderijke dames van Parijs bepleit. Hij eindigt zijn welsprekend pleidooi in dezer voege:
« De tijd is gekomen om het vonnis te vellen en te laten blijken, of gij geen deernis meer met hen wilt hebben. Zij zullen leven (die onschuldige, verlaten schepseltjes of vondelingen), als gij voortgaat met uwe liefderijke zorg. Zij zullen ster-
173
ven en onvermijdelijk omkomen, als gij hen aan hun lot overlaat.quot;
Zijne liefde behaalt de overwinning. Het liefdewerk moge jaarlijks duizenden en duizenden guldens kosten ; wat maakt dat ? De van liefde gloeiende kindervriend kent geen rust, alvorens de kleinen voorgoed in hem een vader en in zijne Liefdezusters de teederste moeders gevonden hebben , en hunne toekomst aldus verzekerd is.
Heb ik ook eene ware en werkdadige liefde voor de kleinen ? Ben ik bereid hen naar best vermogen te helpen ? Is mijne liefde zuiver en volgens het geloof geregeld ? Vermijd ik ten zeerste alles, wat den kleinen en onschuldigen aanstoot of ergernis zou kunnen geven ?
GEMED.
O Goddelijke Kindervriend, Jesus Christus, die gezegd hebt: « Wie een dezer kleinen in mijnen Naam opneemt , die neemt Mij open die den H. Vincentius zijne brandende en vindingrijke liefde voor de kleinen en veriatenen hebt ingestort , geef ons door zijne voorspraak, dat wij met eene verstandige en werkdadige liefde voor de kleinen en ongelukkigen mogen bezield worden , opdat wij verdienen in den schrikkelijken oordeelsdag aan uwe rechterzijde geplaatst te worden en uit uwen mond dit zoete woord te
T
174
hooren; «Komt, gezeikenden mijns Vaders ! neemt Ber
bezit van het rijk , dat voor u bereid is van de ^ei
grondvesting der wereld af.quot; ^
H. Maagd Maria, H. Joseph , mijn H. Engel- sPr
bewaarder, mijne HH. Patronen en alle Engelen 200
en Heiligen , bidt voor ons. Pei
Gebed tot den H. Vincentius a Paulo, biz. 161. ''v
nie
7e DAG. zei;
O God , zie enz. Glorie zij den Vader, enz.
aar
De H. Vincentius en de Liefdezusters. anf
« Zelfs zij,quot; â om met Mgr. Bougaud, in zijn 'iac Leven van den H. Vincentius, te spreken, â « zelfs SP1' zij, die blind zijn voor het verheven schouwspel, a dat b. v. de Karmelitessen en Visitandinen ons wai aanbieden, voelen zich bewogen bij het zien van '''e de Liefdezuster.quot; En inderdaad , die nederige ^'1 Dochter van den H. Vincentius heeft het volste 1110 recht op onze bewondering en hoogachting; zij , cel1 die de wonden van den arme verbindt,- hem in slt;:'' droefheid en ziekte troost en verpleegt, en uit zvvi zuivere liefde voor haren hemelschen Bruidegom xan moeder wordt van ongelukkige kinderen, die haar 'ie' vreemd zijn. â Genoemde schrijver aarzelt dan j ook niet, te verklaren : « Weinig geestelijke Congregatiën zijn er, die in den nieuweren tijd meer ( j eer aan de Katholieke Kerk gedaan en haar meer Hi11-
175
genegenheid verworven hebben, dan de instelling der Liefdezusters.quot; (1)
En nu moge de nederige Vincentius in eene toespraak tot zijne geestelijke Dochters van Liefdeâ zooals zij eerst genoemd werden â- al uitroepen : « Mijn God ! hoe kan men toch zeggen, dat ik de Liefdezusters heb opgericht ? Ik dacht er niet aan, en jufl'rouw Legras evenmin. Een gezelschap (toch) als het uwe , bestemd tot zulke voortreffelijke werkzaamheden, zoo aangenaam aan God en zoo nuttig voor den naaste, kon geen anderen oprichter hebben dan God zelf; want wie had tot dusverre over zulk eene instelling hooren spreken ?quot; Zoo moge de Heilige alle eer van zich afschuiven en aan God geven ; dit blijft niettemin waar; De God van liefde en barmhartigheid bediende zich van den nederigen en liefderijken Vincentius, zonder dat deze het aanvankelijk vermoedde, om dat grootsche werk tot stand te brengen , en maakte hem vader van eene ontelbare schaai' van heldinnen , die voor geen otter , hoe zwaar ook , terugdeinzen , en die bij de leniging van allerlei lichamelijke ellenden, vooral ook het heil der zielen op het oog hebben.
Hoe staat het met mijne naastenliefde ? Help
(1) Zie W. van der Au. Sint Vmceutius a Paulu ea zijn tijd. bl. 278.
176
ik naar best vermogen ongelukkigen en lijdenden ? ha
Ben ik minzaam en vriendelijk ten opzichte van he
zieken en armen ? Bedenk ik wel eens, dat he
alles, wat ik aan noodlijdenden doe, door Jesus eei
zal beschouwd worden als aan Hem zeiven gedaan ? ma
dei
GEUED.
vei
O God , die hef hart van den H. Vincentius ve,
vervuld hebt met liefde jegens U en ijver voor (|ei
het geluk en de zaligheid der menschen, verleen ^
ook ons eene vurige liefde tot U, die het opper- (^oc
ste Goed in U zei ven zijt, en eenen grooten |y|; ijver om zooveel wij kunnen mede te werken
aan het tijdelijk en geestelijk heil van onzen onr evennaaste. Wij smeeken U hierom door de j
voorspraak van uwen grooten dienaar, den H. Vin- eei]
centius a Paulo. Amen. Cor
H. Maagd Maria , H. Joseph , mijn H. Engel- ]an(
bewaarder, mijne HH. Patronen en alle Engelen van
en Heiligen , bidt voor ons. ren
Gebed tot den H. Vincentius a Paulo. hl. 161. Yin
8* DAG. en
. ... -tr i ons
O God , zie enz. Glorie zij den Vader, enz. ^ ^
De Conferenties van den H. Vincentius. ]
Twee legers had de H. Vincentius reeds ten eem
dienste der armen op de heengebracht; de voor- len' name dames met haar naam , haar invloed en
177
â n ? haar vermogen, en de Liefdezusters met hare van heldenmoedige toewijding. Zijne vurige naastendat liefde was echter nog niet voldaan, en hij besloot, ;sus een derde leger uit te rusten, niet minder schoon, ln ? maar moeilijker samen te brengen: dat namelijk der mannen uit de wereld. â Het doel dezer vereeniging zou ook geen ander zijn dan het tuis verlichten van den nood der armen, met name iooi figj. huiszittende armen; en dit niet alleen door leen j^t geven van geldelijken onderstand, maar ook Perquot; door het. verschaffen van de noodzakelijke huise-oten lijke benoodigdheden, van werk en wat verder â¢ken ]je|loeftio-e zoo al noodig heeft, om in zijn
izen onderhoud te voorzien.
Doch waartoe deze uiteenzetting ? Ga liever ^ 'nquot; eens na, wat de leden van de Vereenigingen of Conferenties van den H. Vincentius ook hier te lande doen, en gij kunt u een denkbeeld vormen gt;6'en van hetgeen onze Heilige beoogde. Deze Conferenties toch zijn eene navolging van die van 161. Vincentius; zij erkennen hem als haar Patroon en dragen zijnen naam. En wat al goeds zij in ons vaderland hebben te weeg gebracht, is niet te zeggen.
'⢠In 184(3 hier te lande opgericht, telde de Ver-
3 ten eeniging in 189(3 reeds 175 afzonderlijke Confe-voor. renties. Overal is zij bezield met denzelfden geest id en n. 12
178
van liefde , van onbaatzuchtige , van opofferende liefde. Zij telt hare leden bij duizenden; de gezinnen , die zij bezocht, bij tienduizenden ; de uitgaven, die zij voor hare dierbare armen deed, bij honderdduizenden. Zij heeft scholen en volksbibliotheken , weeshuizen en hospitalen gesticht; spijskokerijen en werkinrichtingen in het leven geroepen ; talloos velen voor de vreesdijkste gevolgen der armoede behoed, en met het lichaam hunne zielen voor den ondergang bewaard.
Met bijzonder welgevallen moet thans de H. Vincentius van uit den hemel nederzien op die edele helden van liefde , die in zijn geest, liefst ongemerkt, zoo onbeschrijfelijk veel goed doen, en , naar zijne telkens herhaalde vermaning, nog meer hel heil der zielen , dan dat des lichaams beoogen.
Beschouw ik ook â naar het voorbeeld van den H. Vincentius â armen en ongelukkigen met de oogen des geloofs ? Denk ik wel eens, dat Jesus, ter liefde van ons arm wordende , de armoede in zekeren zin eerbiedwaardig gemaakt heeft ? Bedenk ik verder , dat de armen een grooteren trek van overeenkomst met Hem hebben , en dat het Hem bijzonder aangenaam is, wanneer wij hen, volgens onzen plicht, naar
179
nde best vermogen bijstaan ? Ondersteun ik, als ik gequot; daartoe in de gelegenheid ben, de Conferentie fle van den H. Vincentius ?
ied,
Iks- _ GEBED-
;ht; O God van liefde , wees geloofd en gedankt âe_ voor de brandende liefde tot den naaste, die Gij vol- 'n hart van den H. Vincentius ontstoken hebt. lam Wy bidden U, geef, dat wij op zijn voorbeeld zooveel ons mogelijk is den nood der armen, uwe bijzondere vrienden , verlichten , en , door die onze liefdewerken , hier uwen voortdurenden bij-iefst stand en eenmaal een gunstig oordeel mogen .en j hekomen . naar uw troostelyk woord : cc Zalig zijn noK de barmhartigen , want zij zullen barmhartigheid ams verwerven.quot; Amen.
H. Maagd Maria, H. Joseph, mijn H. Engelbewaarder, mijne HU. Patronen en alle Engelen van en Heiligen, bidt voor ons.
igen Gebed tot den H. Vincentius a Paulo bl. 161.
3ns' 9e DAG.
j de
âp O C'od , zie enz. Glorie zij den Vader, enz.
men De Priesters der Missie.
Sem Ging de lichamelijke nood , onder welken vorm 111 ,s) hij zich ook vertoonde, den H. Vincentius zoozeer naar ter jiarte ^ noâ vee| pyn]yi{er trof iiern f}e nooci
en de verlatenheid der zielen. Zijne ondervinding
180
had hem doen kennen, in welke verregaande onwetendheid de landelijke bevolking vooral , ten opzichte van de geloofswaarheden leefde, en hoe die onwetendheid oorzaak was van tallooze zonden en van het eeuwige verderf van zoovele door het Bloed van Christus vrijgekochte zielen. In zijn brandenden zielenijver wist hij eenige edelmoedige priesters te winnen, om in dien geestelijken nood te voorzien. Ziedaar het nederige begin van de Vereeniging of Congregatie van Priesters, tlians Lazaristen geheeten en over den ganschen aardbodem verspreid.
Vincentius gaf aan de nieuwe inrichting eene drievoudige bestemming. Eerst moesten de leden vóór alles aan hunne eigene volmaking arbeiden door het trouw naleven van het voorbeeld en de leer des Zaligmakers. Ten tweede moesten zij aan de armen en meest veriatenen het Evangelie verkondigen. Ten derde eindelijk den geestelijken zooveel mogelijk behulpzaam zijn in het maken van vorderingen in de wetenschappen en deugden van hunnen heiligen staat.
« Wat onze onderrichtingen betreft,quot; aldus vermaande hen Vincentius herhaaldelijk, « die moeten zoo eenvoudig zijn, als het maar kan.quot; Dank aan Vincentius' nuttige wenken en den ijver zijner geestelijke zonen brachten de missiën overal de heilzaamste vruchten van zaligheid voort en
1
181
ide eindigden gewoonlijk mei de oprichting eener Con-, ferentie. Ja, zóó verblijdend waren de uitkomen sten en zóó duurzaam l et goed, hetwelk zij stichtten, )ze dat een groot aantal Bisschoppen onzen Heilige ele smeekten , hun eenige zijner zonen te zenden Jn. ten einde ook hun bisdom deelachtig te maken ge aan de zegeningen , die de ijverige Missionarissen 3S- alom verspreidden. Vincentius deed al het moge gelijke om aan die dringende aanzoeken te vol-an doen , ten einde altijd meer zielen voor God teen winnen. Met dit doel 3ok zond hij later vele zijner priesters naar deti vreemde en zelfs naar de ne verst verwijderde streken. Ook daar deden en le- doen zij nog onberekenbaar veel goed , en eerst ir- in den jongsten dag zal het blijken , hoevele zie-ild len hare zaligheid te danken hebben aan Vincen-sn tius en zijne Missionarissen.
lie
en Heb ik ook een vurigen ijver voor de zaligheid
en der zielen ? Zorg ik op de eerste plaats, zoo goed
in ik kan, voor het geestelijk welzijn dergenen, die mij zijn toevertrouwd ? Ben ik waakzaam , om r- ' hen zooveel mogelijk van alle gevaren verwijderd
e- te houden ? Denk ik wel eens aan de rekenschap,
ik die ik daarover eenmaal voor God zal moeten o.f-
ij- leggen? Ondersteun ik verder door gebed en aal-
al moes het schoone Genootschap der H. Kindsheid
m en 't Genootschap tot Voortplanting des Geloofs ?
182
GEBED.
O God, die tot heil der armen en tot onderrichting der Geestelijken door den H. Vincentius in uwe Kerk eene nieuwe gemeenschap van kloosterlingen in helleven geroepen hebt, geef, bidden wij , dat wij , gloeiende door denzelfden geest, beminnen, wat hij beminde, en volbrengen, wat hij leerde. Door Jesus Christus, Onzen Heer. Amen.
H. Maagd Maria, H. Joseph, mijn H. Engelbewaarder, mijne HH. Patronen en alle Engelenen Heiligen , bidt voor ons.
Gebed tot den H. Vincentius a Paulo, bi. 161.
10 Lofprijzingen.
I. Gezegend zijt gij, H. Vincentius, die reeds als kind aangenaam waart aan God en de menschen.
2. Gezegend zijt gij , H. Vincentius, die op aarde geleefd hebt als een eenvoudig en rechtschapen man , God vreezende en afwijkende van het kwaad.
3. Gezegend zijt gij, H. Vincentius, dien God van d(! kudde als prediker gezonden heeft tot zijn volk.
4. Gezegend zijt gij , H. Vincentius, die door God zijt geroepen om aan de armen het Evangelie te verkondigen.
5. Gezegend zijt gij , H. Vincentius, priester
183
naar het hart van God, die tiet volk onderwezen hebt in de wetenschap der zaligheid.
6. Gezegend zijt gij, H. Vincentius, op wiens ootmoedigheid God heeft nedergezien, en die dooiden Heer hoog verheven zijt, om te arbeiden voor zijne glorie.
7. Gezegend zijt gij, H. Vincentius, die gewandeld hebt met God, en van uwen Zaligmaker de ware wijsheid geleerd hebt.
8. Gezegend zijt gij, H. Vincentius, uit wiens liefde tot God een brandende liefde tot den naaste is voortgekomen.
9. Gezegend zijt gij , H. Vincentius , die uitgemunt tiebt door uwen ijver voor den luister der godsdienstplechtigheden.
'10. Gezegend zijt gij , H. Vincentius, die den Heer uwen God uit geheel uw hart gezocht hebt, en Hem nu voor eeuwig inoogt bezitten.
GEIiEU.
O God , die U gewaardigd hebt door den H. Vincentius de wateren uwer heilige genade in de harten der armen te doen stroomen ; geef ons, bidden wij U, die onze zondenschuld in uwe tegenwoordigheid belijden, door de voorspraak van den dierbaren Heilige, ruimschoots deel aan het levend water uwer heilige genade, dat brengt ten eeuwigen leven. Amen.
15.
Noveen ter eere van de H. Anna.
(Zij begint den 17d,,n Juli.)
Voorbereiding. Kom, H. Geest, enz. bl. 7.
Gebed tot de H. Anna.
(foor ellten day der Xoveen.)
Met een hart vol oprecht kinderlijke vereering werp ik mij voor u neder, o gezegende H. Anna. Gij zijt dat bemind en bevoorrecht schepsel, dat, om uwe buitengewone deugd en heiligheid , van God de allergrootste genade verwierf van het leven te schenken aan de «schatkamer der genade,quot; de gezegendste onder de vrouwen, de Moeder van het vleeschgeworden Woord, de zalige Maagd Maria. Ach, gewaardig u, o teederste Heilige, om wille van zulke buitengewone gunsten , mij te ontvangen onder het getal uwer waarlijk toegewijde dienaren , want zulks betuig ik te zijn , en wensch dat te blijven voor het overige mijns levens. Omring mij met uwe machtige bescherming, en verkrijg voor mij van God de navolging van die deugden , waarmede gij zoo overvloedig begunstigd waart. Verwerf mij de kennis mijner
-185
zonden en een waar berouw over dezelve ; eene vurige liefde tot Jesus en Maria; de getrouwe en standvastige vervulling der plichten van mijnen staat. Behoed mij tegen alle gevaren van dit leven en sta mij bij in het uur van mijnen dood, opdat ik veilig moge geraken tot het Paradijs, om daar met u, gelukkigste moeder, het Woord van God (het eeuwige Woord) Ie prijzen, dat mensch werd in den schoot uwer zuiverste dochter, de H. Maagd Maria. Amen.
3 Onze Vader, 3 Wees gegroet, 3 Glorie zij den Vader , enz.
(Atiaat van 300 dagen, eenmaal per dag. â Paus Leo XIII. 2(1 Maart 1886.)
Lofprijzing.
Waarlijk gelukkig, driewerf gelukkig zijt gij , aan wie God de gunst verleend heelt de moeder te zijn der vereerenswaardige Maagd Maria , den stengel van de Bloem des levens, die Christus is. Wij roemen uw voorrecht, o gelukzalige vrouwe. Van u is Maria voortgekomen, de schoone bloem , die aan het menschdom hoop gaf op eene zoete vrucht: Jesus Christus, den Verlosser der wereld. Waarlijk gelukzalig zijt gij, en gezegend is de vrucht uws lichaams, Maria, de Moeder van den eeuwig gezegenden God. De mond der godvreezenden, o H. Vrouwe, prijst Maria, uwe
186
verheven dochter, en blijde juichen wij om uw gelukkig moederschap.
GEBED.
O God, die U gewaardigd hebt aan de H. Anna de genade te verleenen, dat zij verdiende de moeder te worden van de Moeder uws eenigge-boren Zoons, verleen genadig, dat wij bij U geholpen worden door haar, wier feesttij wij zullen vieren. Amen.
Lofzang ter eere van de H. Anna.
Gegroet, o zaal'ge stengel,
Waaruit de bloem ontsproot,
Die aan 't gevallen menschdom De vrucht des levens bood.
Gegroet, o zaalge moeder Der koninklijke Maagd,
Die 't meest van alle schepslen Den heilgen God behaagt.
Wij smeeken U , o Vrouwe ,
Verkrijg ons van den Heer,
Dat wij Maria minnen En Jesus , altijd meer.
16.
Noveen ter voorbereiding tot het feest van 0. L. V. Hemelvaart.
(Zij begint den O11011 Augustus.)
Voor de Aflateu , zie AANMERKING, bl. 7.
Algemeene gebeden voor eiken dag dei-Noveen.
Kom , H. Geest, enz. bl. 7.
Lofzang.
O luisterrijke Maagd, boven de sterren verheven , Gij hebt Hem gevoed, die U liet leven gegeven heeft.
Gij geeft ons door uwe heilvolle vruchtbaarheid weder, wat wij door Eva verloren hebben ; Gij hebt ons den hemel geopend, opdat wij hem zouden kunnen binnentreden en onze tranen afdrogen.
Gij zijt de ingang tot den Koning der koningen en de schitterende dageraad van zijn hof. Volkeren, die van den dood zijt vrijgekocht, verheugt u over het leven, dat gij door de tus-schenkomst der H. Maagd verkregen hebt.
Glorie zij ü, o Jesus, die van eene Maagd geboren zijt; glorie ook den Vader en den H. Geest, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
I
â¢188
Bijzondere gebeden voor eiken dag der Noveen.
Oefening voor den eersten dag.
C6 Augustus.)
Kom, H. Geest, enz. bl. 7. Lofzang, bl. 187.
Maria's Inister bij haren dood.
(Dewijl Zij zich tot eenen goeden dood bereid heeft.)
Laat ons overwegen, hoe groot de luister van Maria bij haren dood was, omdat Zij zich geheel haar leven lang tot eenen goeden dood bereid had. Hoe vurig verlangde Zij , God te zien en met haren Zoon vereenigd te zijn! En hoe groot en verheven waren de verdiensten barer onvergelijkelijke volmaaktheid ! Laat ons het groot verschil tusschen onze voorbereiding tot den dood, en die der H. Maagd inzien, en Haar deze vurige gebeden opdragen :
O allerheiligste Maagd , die, om U tot eenen heiligen dood voor te bereiden , altijd naar het zalig aanschouwen Gods gehaakt hebt, maak, dat wij alle ijdel verlangen naar de broze en vergankelijke goederen dezer wereld van ons verwijderen.
Driemaal Wees gegroet.
0 H. Maagd, die U door een aanhoudend verlangen om voor eeuwig met uwen Goddelijken
189
Zoon Jesus vereenigd te zijn, tot eenen zaligen dood hebt voorbereid , verkrijg ons de genade, van Jesus tot den dood toe getrouw te blijven.
Driemaal Wees gegroet.
O H. Maagd, die- U een oneindigen schat van deugden en verdiensten verzameld, en alzoo tot den dood bereid hebt, doe ons wel beseffen, dat de deugd en de genade Gods de eenige weg ter zaligheid is.
Driemaal Wees gegroet.
Verheugen wij ons over den ijver , waarmede de H. Maagd zich tot een zaligen dood bereid heeft; en vereenigen wij ons, ten einde Haar beter te verheerlijken , met de negen koren der Engelen , die Haar op den dag barer hemelvaart ten hemel vergezelden , en zeggen wij met het eerste koor der Engelen :
Heer, ontferm U onzer. bl. 11.
y. De H. Moeder Gods is verheven ,
Boven alle koren der Engelen in het he-melsch koninkrijk.
LAAT ONS HIDDEN.
Vergeef, smeeken wij U, o Heer, de zonden, die wij in uwen dienst begaan hebben, opdat wij , die U door onze daden niet kunnen behagen,
.
190
door de voorspraak der Moeder van uwen Zoon, onzen Heer, ter zaligheid mogen geraken.
Gebed voor den Paus. O God, Herder en Bestierder, bl. 14.
Gebed voor alle geloovigen. O God, onze toevlucht en onze kracht, bl. 14.
Oefening voor den tweeden day.
(7 Augustus.)
Kom, H. Geest, enz. bl. 7. Lofzang, bl. 187.
Maria's luister bi.j haren dood.
(Dewijl Zij in het bijzijn van haren Goddelijken Zoon en van de Apostelen gestorven is.)
Overwegen wij , hoe Maria â volgens de HH. Leeraars â bij haren dood verheerlijkt en getroost werd, niet enkel door de Apostelen en Heiligen, maar zelfs door haren Goddelijken Zoon. Bedenken wij verder, welke verrukking van vreugde deze bijzondere gunst aan Maria veroorzaakte, en bevelen wij ons aan Haar , zeggende :
O luisterrijke Maagd, die tot uwen troost verdiend hebt, in de tegenwoordigheid der Apostelen en Heiligen te sterven, verkrijg ons de genade, van in ons laatste uur door U en onze HH. Patronen te worden bijgestaan.
Driemaal Wees gegroet.
-191
)n, O luisterrijke Maagd, die bij uwen dood door de verschijning van Jesus, uwen Goddelijken Zoon , zijt vertroost geworden , verkrijg ons de genade , van niet te sterven , alvorens Jesus als Teerspijze ontvangen te hebben en met de overige oequot; troostmiddelen der H. Kerk versterkt te zijn.
Driemaal Wees gegroet.
O luisterrijke Maagd , die uwe ziel in de handen van Jesus gesteld hebt, verkrijg ons de genade , dat ook wij , zoo in leven als in sterven , onze ziel in zijne handen overgeven, en dat onze grootste zorg zij, altoos zijnen H. Wil te volbrengen.
Driemaal Wees gegroet.
Laat ons den luister van Maria verheffen , die jst 'n 'iaai' stervensuur door de Apos-
Ij telen en door haren Goddelijken Zoon zeiven te en worden bijgestaan. Verheugen wij ons in hare ze zegepraal, en zeggen wij in vereeniging met het )e- tweede koor der Engelen :
Heer, ontferm U onzer. bl. 11. !r_ y- De H. Moeder Gods is verheven , en ®oven aquot;e koren, enz. bl. 189.
e LAAT ONS BIDDEN,
'a- Vergeef, enz. bl. 189.
Crebed voor den Paus. O God, Herder en Bestierder. bl. 14.
£
192
Gebed voor alle geloovigen. O God , onze toe- Go(
vlucht en onze kracht, bl. 14. ons
vui
Oetenlnn voor den derden d((fh
ste
(8 Augustus.) wa.
Kom, H. Geest, enz. bl. 7. Lofzang, bl. 187. 1
Maria's luister bij haren dood. j
(Dewijl Zij hareu geest gatquot; door een uitwerksel der reinste na
liefde.) hef
Laat ons den luister der allerheiligste Maagd £n
bij haren dood overwegen , wijl Zij ten gevolge |
eener vervoering van de zuiverste liefde tot God ;
haren geest gaf; en willen wij eenig deel aan dat [
Goddelijk vuur hebben, nemen wij dan tot Haar onze toevlucht, zeggende : ^
O zalige Maagd Maria, die door het geweld ^
der Goddelijke liefde uit deze wereld gescheiden ^ zijt, verkrijg ons , dat wij, volgens den Wil van God, door dezelfde Goddelijke vlam mogen branden. ^
Driemaal Wees gegroet.
0 zalige Maagd Maria, die door een uitwerksel der reinste liefde stervende, ons geleerd hebt, hoedanig onze liefde tot God moet zijn , verkrijg 1
ons de genade van nimmer, noch in leven, noch in dood, van Hem gescheiden te worden.
Driemaal Wees gegroet. ]
0 zalige Maagd Maria, die, door den gloed der
193
Goddelijke liefde uit dit sterfelijk leven gerukt, ons daardoor geopenbaard hebt, van welk een heilig vuur uw hart ontstoken was, verkrijg ons ten minste een vonkje van dit Goddelijk vuur, om in ons een waar leedwezen over onze zonden te verwekken
Driemaal Wees gegroet.
Laat ons den onuitsprekelijken luister van Maria in de vervoering harer liefde tot God ver-heffen, en in vereeniging met het derde koor der Engelen zeggen :
Heer, ontferm U onzer. bl. 11.
N7. De H. Moeder Gods is verheven.
Boven alle enz.
LAAT ONS HIDDEN.
Vergeef, enz. bl. 189.
Gched voor den Paus. O God , Herder en Bestierder bl. 14,
Gebed voor alle geloovigen. O God, onze toevlucht en onze kracht, bl. 14.
Oefening voor den vierden day.
(9 Augustus.)
Kom, H. Geest, enz. bl. 7. Lofzang, bl. 187.
Maria's luister na haren dood.
(In haar ontzield lichaam.)
Laat ons den luister van Maria na haren dood N. 13
194
in haar ontzield lichaam overwegen. Welke zoete majesteit! welk een rein en schitterend licht omgeeft hetzelve 1 Wat een hemelsche geur verspreidt het! En hoevele wonderen worden , alleen hij het aanschouwen van hetzelve, bewerkt! Laten wij, beschaamd over onze ellende, ons met vertrouwen tot Haar wenden ;
O vlekkelooze Koningin, die door uwe maagdelijke reinheid verdiend hebt, dat uw ontzield lichaam door luister en heerlijkheid glinsterde, verkrijg ons de genade, om alle onreine gedachten verre van ons te verdrijven.
Driemaal Wees gegroet.
O vlekkelooze Maagd , die door uwe buitengewone deugden verdiend hebt, dat uw ontzield lichaam na uwen dood een geheel hemelschen geur verspreidde ; geef, dat ons leven voortdurend den naaste tot stichting strekke, en dat wij nimmer meer een struikelsteen voor hem worden door onze kwade voorbeelden.
Driemaal Wees gegroet.
O reine Maagd, bij het aanschouwen alleen van uw ontzield lichaam werden tallooze menschen van hunne lichamelijke kwalen genezen; verkrijg ons de genezing onzer geestelijke zwakheden.
Driemaal Wees gegroet.
195
Verheugen wij ons over den luister, waarmede het ontzield lichaam van Maria omgeven is, en laat ons gezamenlijk met het vierde koor der Engelen haren naam verheerlijken , zeggende ;
Heer, ontferm U onzer. hl. 11.
i?- De H. Moeder Gods is verheven,
Rt. Boven alle enz.
LAAT ONS BIDDEN.
Vergeef, enz. hl. 189.
Gebed voor cleu / Vn/s. ^ () God, Herder en Bestierder, bl. 14.
Gebed voor alle geloovigen. O God, onze toevlucht en onze kracht, bl. 14.
Oeteniny voor den vijfden day.
(10 Augustus.)
Kom, H. Geest, enz. bl. 7. Lofzang, bl. 187.
Maria's luister na haren dood.
(In haar venezen iichanm.)
Overwegen wij, hoezeer Maria na haren dood verheerlijkt werd, daar haar lichaam door de kracht des Allerhoogsten verrees en terstond bekleed werd met klaarheid, fijnheid, lichtheiden onlijdelijkheid; verrukt op het gezicht van zoo groote heerlijkheid , smeeken wij Haar ;
Allerverhevenste Koningin, door Gods almacht zoo luistervol verrezen , wees ons genadig, opdat
196
â wij op den jongslen dag in den glans der zalige lichamen verrijzen.
Driemaal Wees gegroet.
Verheven Koningin, die in uw verrezen lichaam door de klaarheid en fijnheid verheerlijkt zijt geworden, ter belooning uwer voortrelïelijke deugden en van de nederigheid, in uw sterfelijk leven beoefend , geef, dat wij onze hoovaardige levenswijze verzaken en alle ongeregelde hoogschatting van ons zelve afleggen, en in plaats daarvan de heilige nederigheid mogen verwerven, die ons waar sieraad zal uitmaken.
Driemaal Wees gegroet.
Verhevene Koningin, wier lichaam bij zijne verrijzenis met de lichtheid en onlijdelijkheid is begaafd geworden ter belooning van uwen ijver in het geestelijk leven, en van het geduld, waardoor Gij U tijdens uw leven op aarde onderscheiden hebt, verkrijg ons van God den moed en de sterkte , om ons lichaam behoorlijk te versterven en het noodige geduld , om onze zondige neigingen te bedwingen.
Driemaal Wee* gegroet.
Laat ons Maria den verschuldigden lof brengen en Haar in haar verrezen lichaam verheerlijken. Laten wij Haar onze achting betoonen en
-197
onze hulde aanbieden en met het vijfde koor der Engelen zeggen :
Heer, ontferm U onzer. bl. H.
y. De H. Moeder Gods is verheven , R:. Boven alle enz.
LAAT ONS BIDDEN.
Vergeef, enz. bl. 189.
Gebed voor den Paus. O God, Herder en Bestierder, bl. li.
Gebed voor alle geloovigen. O God , onze toevlucht en onze kracht bl. 14.
Oefening voor den zesden day.
(11 Augustus.)
Kom, H. Geest, enz. bl. 7. Lofzang, bl. 187.
Maria's luister na haren dood.
(lu hare hemelvaart.)
Laat ons den luister van Maria op den vreugdevollen dag harer ten-hemel-opneming overwegen. Zij was begeleid door eene ontelbare menigte Engelen en door vele zalige zielen , die door hare verdiensten uit het vagevuur verlost waren. Verheugen wij ons over hare zegepraal; werpen wij ons met een innig gevoel onzer ellende aan hare voeten neder, en smeeken wij Haar:
Voortrellelijke Maagd , die met zulke majesteit in het rijk des eeuwigen vredes zijt opgenomen,
198
verdrijf alle aardsche gedachten uit onzen geest, opdat hij gestadig op de onveranderlijke goederen des hemels gevestigd blijve.
Driemaal Wees gegroet.
Voortrefl'elijke Maagd , die bij uwe luisterrijke hemelvaart van de negen koren der Engelen zijt vergezeld geweest, verkrijg ons de genade van aan de bekoringen van den vijand onzer zaligheid te wederstaan , en altijd aan de inspraken van onzen H. Engelbewaarder te beantwoorden.
Driemaal Wees gegroet.
Voortrellelijke Maagd, wier glorierijke hemelvaart werd opgeluisterd door het gevolg der zalige zielen, die Gij door uwe verdiensten uit het vagevuur verlost hadt, verkrijg, dat wij verlost worden uit de slavernij der zonde, en dat wij mogen verdienen , U in alle eeuwigheid te loven.
Driemaal Wees gegroet.
Laten wij ons onophoudelijk verheugen over de onvergelijkelijke zegepraal en de luisterrijke hemelvaart van Maria, en Haar in vereeniging met het zesde koor der Engelen onze hulde aanbieden.
Heer ontferm U onzer. bl. 11.
f. De H. Moeder Gods is verheven ,
Boven alle enz.
199
LAAT ONS BIDDEN.
Vergeef enz. bl. 189.
Gebed voor den Paus. O God, Herder en Bestierder, bl. 14.
Gebed voor alle geloovigen. O God, onze toevlucht en onze kracht, bl. 14.
Oefening voor den zevenden dag.
(1'2 Augustus.)
Kom , H. Geest, enz. bl. 7. Lofzang, bl. 187.
Maria's luister in den hemel.
(Door den hoo^eu rans; . waartoe Zij verheven is )
Laat ons den luister van Maria in den hemel overwegen, waar Zij als Koningin van het heelal is aangesteld en eene voortdurende schatting van lofzangen en eerbetoon ontvangt van de ontelbare menigte van Engelen en Heiligen. Naderen ook wij vol eerbied tot den troon barer majesteit, en smeeken wij Haar:
O Koningin van het heelal, die, om uwe onvergelijkelijke verdiensten, in den hemel tot zulk eene groote glorie verheven zijt, werp een medelijdenden blik op ons, ellendigen, en ondersteun ons door den zoeten invloed uwer bescherming.
Driemaal Wees gegroet.
O Koningin van het heelal, die onophoudelijk
'200
de hulde en eerbetooning van het gansche hemelhof ontvangt, gewaardig U, onze voorspraak bij God te zijn. Mochten onze gebeden U aangenaam wezen en U worden opgedragen met al den eerbied , die aan uwe hooge waardigheid toekomt.
Driemaal Wees gegroet.
O Koningin van het heelal , wij smeeken U door den luister der hooge waardigheid, waartoe Gij in den hemel verheven zijt, ons onder het getal uwer dienaren te willen rekenen, en ons de genade te verkrijgen, van de geboden Gods en die der H. Kerk, tot aan onzen dood toe, stipt te onderhouden.
Driemaal Wees gegroet.
Laat ons deelen in de vreugde der Engelen, die Maria als Koningin van het heelal verheerlijken, en, om Haar beter onze vreugde te toonen, vereenigen wij ons in de vervoering onzer blijdschap met het zevende koor der Engelen, zeggende:
Heer, ontferm U onzer. bl. 11.
R-. De H. Moeder Gods is verheven ,
y. Boven alle enz.
LAAT ONS BIDDEN.
Vergeef, enz. bl. 189.
Gebed voor den Paus. O God , Herder, en Bestierder, bl. 14.
i
201
Gebed voor alle geloovigen. O God, onze toevlucht en onze krach-,, bl. '14.
Oefening voor den acht.sten (13 Augustus.)
Kom, H. Geest, enz. bl. 7. Lofzang, bi. 187.
Maria's luister in den hemel.
(Door de kroon , waHriuede Zij versierd is.)
Beschouwen wij Maria in den hemel, schitterend van glorie en getooid met de overheerlijke kroon, waarmede haar Goddelijke Zoon haar hoofd versierd heeft, Hij, die Haar begaafd heeft met de volmaakte kennis der verhevenste en geheimste dingen van het verledene, het tegenwoordige en het toekomende; en laten wij, vol eerbied voor deze groote Koningin, vertrouwvol onze toevlucht tot Haar nemen , biddende :
O onvergelijkelijke Koningin, die in den hemel met eene schitterende kroon versierd zijt, waarmede uw Goddelijke Zoon uwe verdiensten heeft willen beloonen, maak ons aan uwe zeldzame deugden deelachtig, opdat wij, meer en meer gezuiverd, waardig mogen zijn met U in den hemel gekroond te worden.
Driemaal Wees gegroet.
O onvergelijkelijke Koningin, aan wie God de volmaaktste kennis heeft verleend van alles,
202
wat er omgaat in den hemel en op aarde, vergeef ons, dat wij uwe heerlijke voorrechten tot nog toe zoo slecht gewaardeerd hebben, en laat niet toe , dat wij U nog ooit met den mond of met het hart beleedigen.
Driemaal Wees gegroet.
O onvergelijkelijke Koningin, die zoo vurig verlangt, dat alle menschen zuiver en kuisch leven , en daardoor Gods gunstige blikken waardig worden, verkrijg ons de vergiffenis onzer zonden en geef, dat wij zóó zorgvuldig waken over onze zintuigen, over de bewegingen van ons hart en over onze handelingen , dat alles in ons behaaglijk zij aan zijne Goddelijke Majesteit.
Driemaal Wees gegroet.
Zuiveren wij ons hart om Maria waardiger te kunnen loven, en voegen wij bij de glorie, Haar geschonken door de kroon, waarmede haar koninklijk hoofd versierd is, de nederige hulde onzer oprechte liefde , met het achtste koor der Engelen zeggende ;
Heer, ontferm U onzer. bl. 11.
y. De H. Moeder Gods is verheven,
Boven alle enz.
LAAT ONS BIDDEN.
Vergeef, enz. bl. 189.
T
203
Gebed voor den Paus. O God, Herder en Bestierder, bl. 14.
Gebed voor alle geloovigen. O God, onze toevlucht en onze kracht, bl. 14.
Oefening voor den negenden dag.
Kom, H. Geest, enz. bl. 7. Lofzang, bl. 187.
Maria's luister in den hemel.
(Door den titel vau Beschermster der menschen.)
Overwegen wij , hoe Maria in den hemel verheerlijkt is door de bescherming, welke Zij aan de menschen verleent en de groote bezorgdheid, waarmede Zij in hunne behoeften voorziet; en laat ons met een groot vertrouwen op de Moeder Gods, die Hij zelf ons tot Beschermster gegeven heeft. Haar van ganscher harte bidden :
O Maria, onze machtige Beschermster, die U beroemt, in den hemel de voorspreekster der menschen te zijn, verlos ons uit de klauwen van den helschen geest, om ons in de handen van God, onzen Schepper, over te brengen.
Driemaal Wees gegroet.
O Maria, onze machtige Beschermster, die als onze voorspreekster in den hemel verlangt, dat alle menschen zalig worden , geef dat wij , bij het beschouwen onzer bedreven zonden en
204
menigvuldige hervallingen in dezelve, nimmer den moed en de hoop verliezen.
Driemaal Wees gegroet.
O Maria , onze machtige Beschermster , die , om uwe dienstvaardige tusschenkomst voor de menschen bij God uit te oefenen, met genoegen voortdurend hunne smeekingen ontvangt, verkrijg ons den geest eener ware godsvrucht, en geef, dat wij U alle dagen van ons leven aanroepen, en bijzonder in het schrikkelijk oogenblik van onzen dood.
Driemaal Wees gegroet.
Laat ons de heerlijkheid van Maria vieren met al de eerbewijzingen , die wij in staat zijn Haar te geven, en, vervuld van blijdschap, zulk eene machtige Voorspreekster in den hemel te bezitten , loven wij Haar met het negende koor dei-Engelen , zeggende:
Heer, ontferm U onzer. bl. 11.
De H. Moeder Gods is verheven ,
i^. Boven alle enz.
LAAT ONS HUIDEN.
Vergeef, enz. bl. 189.
Gebed voor den Paus. O God, Herder en Bestierder, bl. 14.
Gebed voor alle geloovigen. O God, onze toevlucht en onze kracht, bl. 14.
IT.
Noveen ter voorbereiding tot het feest van 0. L. V. Geboorte,
(Zij begint den 30sten Augustus.)
Voor de Aflaten, zie AANMERKING, bl. 7.
Dagelijksche oefening gedurende deze Noveen.
O Maria, floor de Allerheiligste Drievuldigheid uitgekozen en voorbestemd , om de Moeder van Gods eenigen Zoon te zijn ; door de profeten aangekondigd , door de oudvaderen verwacht en door alle volkeren verlangd , Gij zijt het heiligdom en de levende tempel van den H. Geest en de heldere dageraad van de Zon der gerechtigheid. O H. Maagd , zonder erfsmet ontvangen , Koningin van hemel en aarde, Koningin van alle Engelen, hier voor uwe voeten neergeworpen , komen wij U onze nederige hulde aanbieden. Wij zijn verheugd de jaarlijksche plechtigheid uwer heilvolle Geboorte te kunnen vieren , en wij smeeken U uit den grond onzer harten, van geestelijker wijze in onze zielen te willen geboren worden , opdat deze, door uwe beminnelijkheid en zoetheid
206
vervoerd, gedurig in vereeniging met uw allerzoetst en allerbeminnelijkst Hart mogen leven.
i.
Wij groeten U, kind van zegening, nieuwe Eva, reeds in hel aardsche Paradijs door God beloofd en thans eindelijk tot vreugde uwer gelukkige ouders, Joachim en Anna, en tot heil van geheel het menschelijk geslacht aan de aarde geschonken.
Wees gegroet, enz.
ii.
Wij groeten U, hemelsch kind, blanke duive, schitterende van reinheid, die , ten spijt van den helschen draak, in uwe ontvangenis van de vlek der erfzonde zijt bevrijd gebleven.
Wees gegroet, enz.
in.
Wij groeten U, schitterende dageraad der Zon van gerechtigheid, die ons de eerste stralen van haar licht ter verlichting der wereld hebt aangebracht.
Wees gegroet, enz.
IV.
Wij groeten U , door God uitverkoren Maagd, die als een onbevlekte zon geschitterd hebt in den duisteren nacht der zonde.
Wees gegroet, enz.
207
v.
Wij groeten U, helderschijnend gesternte, dat de wereld, die in de dikste duisternis des heiden-doms gedompeld lag, verlicht hebt.
Wees gegroet, enz.
VI.
Wij groeten U, geduchte strijderes, die alleen, gelijk een ten strijd geordend krijgsheer, de ge-lieele helsche macht verdreven hebt.
Wees gegroet, enz.
vu.
Wij groeten U, geheel schoone ziel van Maria, die van alle eeuwigheid het eigendom van God geweest zijt.
Wees gegroet, enz.
VIII.
Wij groeten U, o minnelijk kind; wij vereeren de teedere ledematen van uw maagdelijk lichaam, de heilige doeken, die het omwikkelen, de heilige wieg, waarin het rust, en verheugen ons over het oogenblik uwer heilvolle geboorte.
Wees gegroet, enz.
IX.
Wij groeten U eindelijk, o .teedere Maagd, met alle deugden in een onmetelijk verhevener graad dan alle Heiligen versierd , en Moeder des
208
Zaligmakers, waardig door de almogende kracht des H. Geestes, het eeuwig Woord te baren.
Wees gegroet, enz.
GEBED.
O kind van genade , dat door uwe gezegende geboorte de wereld vertroost, den hemel verheugd en de hel vernederd hebt; dat aan de zondaars verkwikking, aan de bedrukten opbeuring, en allen menschen vreugde hebt aangebracht; wij smeeken U met alle vurigheid , van heden geestelijker wijze door uwe heilige liefde in onze zielen te willen geboren worden. Vernieuw in onzen geest den wensch om U te dienen , en in onze harten het verlangen van U te beminnen; laat in ons die deugden bloeien , waardoor wij wel-gevalliger worden in uwe barmhartige oogen. O Maria, wees ons « Maria,quot; door ons de heilzame uitwerkselen van uwen zoeten naam te doen smaken. Dat de aanroeping van dien heiligen naam onze sterkte zij in de moeilijkheden , onze hoop in de gevaren , ons schild in den strijd, en onze steun in den dood. Dat deze naam , o Maria, voor ons een honing zij in den mond, een zoet geluid in het oor en eene vreugde in het hart.
209
De Litanie der H. Maagd.
Heer, ontferm U onzer. bl. 11.
v. Uwe geboorte , o Maagd, Moeder Gods,
A. Heeft het heelal vreugde aangekondigd.
LAAT ONS BIDDEN.
Wij smeeken U , o Heer, verleen uwe dienaren de gave der hemelsche genade, opdat gelijk het moederschap van Maria het beginsel hunner zaligheid geweest is, zoo ook de jaarlijksche viering barer Geboorte hunnen vrede en hun geluk vermeerdere.
Gebed voor den Paus. O God, Herder en Bestierder, bl. 14.
Gebed voor alle geloovigen. O God , onze toevluchl en onze kracht, bl. 14.
N.
14
18.
Noveen ter voorbereiding tot het feest van 0]
het H. Hart van Maria, v
{Zij begint den 6den September.) G
(I
1« DAG. al Kom , H. Geest, enz. bl. 7.
(1
Verhevenheid en Goedheid van Maria's
H. Hart. ]V
God had van alle eeuwigheid beschikt, dat si
zijn Zoon mensch zoude worden otn de wereld g
te verlossen , en te zelfder tijd had Hij besloten, g Hem eene Moeder te geven, Zijner waardig.
« God nuzegt de H. Thomas, « geeft aan E
iemand, dien Hij tot zekere waardigheid bestemt, n al de hoedanigheden , die noodig zijn , om die | d
waardigheid behoorlijk te bekleedenwaaruit a
de engelachtige leeraar dan het besluit trekt, dal a
God, Maria tot Moeder van zijn eenigea Zoon ver- zi
kiezende, Haar zeer zeker door zijne genade tl
waardig maakte het te zijn. â Moeder Gods 1 t(
welk eene waardigheid ! â God is de heiligheid K
zelve; het betaamde dus, dat zijne Moeder Hern, zi
211
â meer dan ooit een ander zuiver schepsel â in heiligheid zou gelijken.. . . Moest Zij dus op de eerste plaats niet zuiver en vlekkeloos wezen ?
De voornaamste taak van de H. Maagd , hier op aarde geplaatst wordende, was, de zielen, die van genaden beroofd zijn , op te heuren en met God te verzoenen. Een godvruchtig schrijver (Lanspergius) laat onzen Goddelijken Zaligmaker aldus tot de menschen spreken : « Gij, arme Adamskinderen, die te midden van zoovele vijanden en zoo groote ellende leeft, eert met eene bijzondere toegenegenheid Haar, die mijne en uwe Moeder is; want Ik heb Haar aan de wereld geschonken om uwe toevlucht, uw troost en onafgebroken hulp te zijn. Zelf heb Ik Haar zoodanig gevormd , dat niemand vrees voor Haar behoeft te hebben of afschrik om Haar aan te roepen. Daarom vooral heb Ik Haar eene zoo goede en medelijdende inborst geschonken, opdat Zij hen, die hare hulp afsmeeken , niet zou kunnen verachten. Haar barmhartig Hart staat altijd voor allen open , en nooit laat Zij toe , dat men , na zich aan hare voeten geworpen te hebben, ongetroost heenga.quot; â Geloofd zij altijd de onmetelijke goedheid van God, die ons in deze groote Koningin eene Moeder geschonken heeft met een zoo teeder en liefdevol Hart!
212
T
mr
GEBED. j . -
O Moeder van mijn Zaligmaker! ik erken, dat de ondankbaarheid, waarmede ik zoovele jaren God en U bejegend heb, verdiende , dat Gij als gerechte straf mij uwe zorgen onttrokt; want de ondankbare is geene weldaad meer waardig. Maar, o zoete Koningin, ik heb een grooten dunk van
uwe goedheid en ben overtuigd , dat zij mijne zal
ondankbaarheid verre overtreft. Ga dus voort, oni
een armen zondaar, die op U vertrouwt, bij te gei
staan. O Moeder van barmhartigheid , reik uwe Jes
hand toe aan een ongelukkige, die uw medelijden sla
inroept. O Maria, of wel verdedig mij , of wel zoi
zeg, waar ik moet gaan , om iemand te vinden, 8ft die mij beter kan beschermen dan Gij. Doch
waar zou ik eene voorspreekster kunnen vinden, in(
die medelijdende!' is en machtiger bij God , dan ni(
Gij, die zijne Moeder zijt ? Door de Moeder des sel
Verlossers te worden , zijt Gij bestemd de zon- ge
daren te redden, en Gij zijt mij tot mijne zalig- ge
heid gegeven. O Maria , help hem , die tot U he
zijn toevlucht neemt! Uwe liefde: verdien ik niet; bl(
maar het verlangen, dat Gij hebt, van hen, die en vergaan , te redden, boezemt mij het vertrouwen
in, dat Gij mij bemint; en als Gij mij bemint, 'ui
hoe zou ik dan verloren gaan ? O Moeder, red â
213
T
mij ! Ik bemin U, ik betrouw op U ! Ik wil U eeuwig beminnen. Zoo hoop ik , zoo zij het ! (ial Zoet Hart van Maria , wees mijn heil. (l)
iaren 2° DAG.
lj as Korn , H. Geest, enz. bl. 7.
it de
klaar, Onbevlekt Hart van Maria.
; van « Het is eene geloofswaarheid , dat de geluk-
nijne zalige Maagd Maria van het, eerste oogenblik barer
â¡ort, ontvangenis, door een voorrecht en eene bijzondere
J1.j genade van God , uit kracht der verdiensten van
uwe Jesus Christus, Verlosser van het menschelijk ge-
ijden slacht, bevrijd is geweest van elke smet der erf-
wel zonde.quot; Aldus sprak Z. H. Paus Pius IX den
iden, 8ften December 1854.
Doch Met recht noemen wij dus het Hart onzer heiden, melsche Moeder een « onbevlektquot; Hart; want dan niet slechts is Zij, en Zij alleen, onder alle schep-r des selen voor de erfzonde bewaard gebleven , maar zon- geheel haar leven lang heeft Zij zicli, met Gods ïalig- genade , voor elke zonde , voor elke onvolmaakt-ot U heid zelfs weten te behoeden. Haar Hart was en niet; bleef steeds onschuldig, zuiver, geheel vlekkeloos , die en heilig.
iwen Verheugen wij ons en wenschen wij Haar ge-
lint, , luk met dit voorrecht, Haar alleen eigen. Wel
red -
(1) Telkeus 30U dagen ulluat. (Pius IX, 30 Sept. 1852.)
_J_
214
mocht Zij dus in vervoering van dankbaarheid uitroepen : «... Hij, die machtig is, heeft groote dingen in Mij gedaan.quot;
Deze kreet van dankbaarheid moest ook uit ons hart opstijgen, 't Is waar, wij zijn in ongerechtigheid geboren ; maar deze erfsmet is in ons uitgewischt door het H. Doopsel, eene groote genade, die niet aan alle menschen is geschonken, en die ons heeft verheven tot de waardigheid van kinderen Gods , ledematen van Jesus Christus en tempels van den H. Geest. En waarom heeft God ons zoo bevoorrecht ? Opdat er eene voortdurende vijandschap zou bestaan tusschen ons en den duivel; opdat wij middelaars van vrede zouden zijn tusschen God en de menschen; opdat wij anderen ten heil zouden verstrekken. Hoe hebben wij aan 's Heeren inzichten beantwoord ?
GEBED.
O onbevlekte Maagd, ik verheug mij, U met zoo !gt;roote zuiverheid versierd te zien. Hartelijk dank ik den goeden God, U van alle zondesmet bewaard te hebben. Ik erken in U met de H. Kerk dien schoonen Morgenstond , altijd bestraald door het Goddelijk licht; die Ark des heils, gered uit de algemeene schipbreuk der zonde ; die volmaakte en vlekkelooze Duif, gelijk onze Goddelijke Bruidegom U noemt. Gij zijt geheel rein ,
215
n
eid geheel zuiver, altijd en in alles aangenaam aan ,ote uwen Schepper. Onbevekte Maagd, zoete, beminnelijke Maria! Gij, die zoo schoon zijt in â¡ns 's Heeren oogen, werp tocli een barmhartigen rh- blik op mijne ziel ; heb medelijden met mij en ons genees mij. 0 zoete minnares der harten , trek ote ook mijn hart tot U. Gij, die van het eerste en, oogenblik uws levens zuiver en schoon voor God ran zijt verschenen, heb medelijden met mij, die en niet alleen in de zonde beu geboren , maar nog ie ft na mijn Doopsel opnieuw mijne ziel besmeurd )rt- heb. O onbevlekte Maagd , Gij moet mij redden, en Ik verlang vurig U in den hemel te zien en te ien bedanken. O Maria, mijne Moeder , mijne Ko-wij ningin , mijne Welbeminde , geheel schoon , ge-eb- heel zoet, geheel zuiver. Amen.
O Maria, zonder zonde ontvangen, bid voor ons, die onze toevlucht tot U nemen. (1)
3« ÃAG.
net
lijk Kom , H. Geest, enz. bl. 7.
net Genaderijk Hart van Maria.
TT
De genade, door God aan het H. Hart van Maria a'(^ geschonken , is eenig en onmetelijk. Maria's Hart
le^ is in waarheid, na het aanbiddelijk Hart van het
/ol- _
(1) 10U dageü aflaat, eans daa^fgt; (Leo Xdl , 15 Maart in, 1884 )
_i_
216
menschyeworden Woord, het schoonste meesterstuk , dat door de hand des Almachtigen gevormd werd. De genade daalde in Maria's Hart, niet gelijk bij de andere Heiligen druppelsgewijze, maar volgens de voorzegging van David, «als de ragen op een vachtquot; neder. « Het Hart der H. Maagd aldus zegt de H. Thomas , clt; nam , zonder verlies van een enkelen druppel , geheel dezen overvloed van genaden op, zoodat het er geheel mede vervuld werd.quot; De genade , welke God in liet Hart dezer zoo zuivere Maagd uitstortte , overtrof niet alleen die van eiken Heilige in het bijzonder, maar zelfs die van alle Engelen en Heiligen te zamen.quot;
De genade , aan Maria verleend , moest overigens in overeenstemming wezen met de hooge, onvergelijkelijke waardigheid, waartoe God Haar bestemde, in overeenstemming ook met de vurige liefde , die de Heer Haar toedroeg. â O onmetelijke rijkdom van het Hart onzer Moeder ! God zelf liet Haar noemen : « Vol van genade.quot;
Danken wij den Heer en verheugen wij ons, Maria met zooveel gunsten en genaden overladen te zien. Ja, verheugen wij ons; want heeft Zij de volheid der genaden verkregen , het is niet alleen voor hare glorie, maar ook voor ons geluk. â Gelijk de H. Joannes zegt, dat wij allen van de volheid van Jesus Christus ontvangen hebben, zoo zeggen
de Heiligen van Maria , dat er niemand is , die niet in hare gunsten deelt.
GEBED.
O mijne Koningin, die de Moeder van mijn Verlosser en de groote Middelares der ongelukkige zondaars zijl, heb medelijden met mij ; ik smeek uwe barmhartigheid af. 't Is waar, ik heb door mijne ondankbaarheid verdiend , door God en U verlaten te worden; maar ik hoor zeggen, dat Gij nooit weigert, hem, die met vertrouwen tot U zijn toevlucht neemt, te helpen. Welnu, o Maria, Gij, verhevenste aller schepselen, die alleen God boven U geplaatst ziet, en voor wie de grootsten in den hemel klein zijn ! Gij , vol van genade ! help een ongelukkige , die door eigen schuld de genade heelt verloren. Ik weet, dat God U zoo bemint, dat Hij U niets weigert; ook weet ik, dat Gij er vermaak in schept, uwe macht ten voordeele der arme zondaars te gebruiken. Ach, gewaardig U, de grootheid van uwen invloed bij God te toonen , door voor mij eene zoo sterke Goddelijke liefdevlam te bekomen, dat zij mij van zondig heilig make, mij van alle aardsche genegenheid onthechte, en mij geheel van liefde tot God vervulle. Doe dit, mijne Koningin , dewijl Gij het kunt; doe het uit liefde tot God , die U zoo groot, zoo vermogend, zoo
'218
barmhartig gemaakt heeft. Alzoo hoop ik. Amen.
Bid voor ons, H. Moeder Gods, opdat wij waardig worden der beloften van Christus.
4quot; DAG.
Kom , H. Geest, enz. bl. 7.
Getrouwheid van Maria's H. Hart.
Onbegrijpelijk groot â wij zagen het â waren de genaden , die de H. Maagd van God ontving, en aan al die genaden heeft Zij volmaakt beantwoord. Maria begon, zoodra het Haar mogelijk was , God te dienen , d. i. van het eerste oogen-blik van haar bestaan. Reeds toen met het gebruik der rede begiftigd , betoonde Zij God hare dankbaarheid voor de onschatbare gaven , waarmede Hij haar Hart versierd had , beminde Zij Hem met, eene weergalooze liefde, offerde Zij zich geheel aan Hem op, om altijd en in alles zijnen H. Wil te volbrengen.
Maria beijverde zich , zonder een oogenhlik te verliezen, al liet goede te doen , dat Zij doen kon , en de groote genaden , Haar geschonken , tot eer van God aan te wenden. Aanhoudend deed Zij haar best , om door vurige verzuchtingen van liefde meer met God vereenigd te worden en steeds in zijne liefde toe te nemen. Zoo steeg haar H. Hart voortdurend in volmaaktheid,
219
altijd vereenigd met haren God, op wien alleen Zij steunde.
Nooit werd een leven beter besteed dan dat der allerheiligste Maagd. Geen enkel oogenblik ging daarvan verloren.
O kenden wij , als Maria, de waarde van den tijd, dien schat, welke slechts op aarde gevonden wordt. â Veronderstel eens het onmogelijke, dat namelijk den verdoemden één uur tijds gegeven werd... Wat zouden zij het benuttigen 1 â In den hemel is geen berouw; maar als de Gelukzaligen over iets berouw konden hebben, dan zou het zijn, omdat zij in dit leven een tijd verloren hebben, waarin zij eene grootere glorie hadden kunnen verwerven. Maria echter beeft elk oogenblik op de allerbeste wijze besteed.
GEBED.
O mijne teedere Moeder, ik bedank U voor al het goed , dat Gij mij bewezen hebt, mij ongelukkige, die mijnen tijd zoo slecht gebruikt en de hel verdiend heb. Uit hoevele gevaren hebt Gij , machtige Koningin , mij niet verlost ! Hoe groote verlichting en barmhartigheid hebt Gij van God niet voor mij verkregen! Welk goed of welke groote eer hebt Gij toch van mij ontvangen, dat Gij mij uwe genade zoo gaarne uitdeelt. ? Aan uwe goedheid alleen ben ik die verschul-
'
-m
digd. ü, als ik voor U mijn bloed en mijn leven gd,
gal', zou liet weinig zijn bij de verplichting, die vrij
ik aan U heb: Gij hebt mij van den eeuwigen v00
dood verlost; Gij hebt mij , naar ik vertrouw , 7?a,
Gods genade terug verworven ; in één woord , )iei
U ben ik alles verschuldigd! Mijne beminne- r/j0(
lijkste weldoenster , alles , wat ik , ellendige , in tin,
ruil kan geven, is, U te loven en U altijd fe be- ten
minnen. Ach , versmaad niet de hulde van een wij
armen zondaar, dien uwe goedheid in liefde de
heeft ontstoken. Zoo mijn hart onwaardig is U }ia;
te beminnen, omdat het vol vlekken en aardsche ilet
genegenheden is, het hangt maar van U af, het jia
te veranderen Ik bid U dus, verander het; hecht \ot
mij aan God , en zóó vast, dat ik mij nimmer- na;
meer van zijne liefde kan scheiden. Gij vraagt en
mij uwen God te beminnen , en dat juist vraag ka
ik van U, en ik verlang niets vuriger. Ver- ije
krijg mij dus de genade, Hem altijd meer te ai
te beminnen , en ik ben voldaan. Amen. H;
Allergetrouwst Hart van Maria , bid voor ons. Ei
5e DAG. m
Kom , H. Geest, enz. bl. 7.
Edelmoedisheid van Maria's H. Hart.
» vr
Gelijk het aarden vat den pottenbakker toebe-
hoort, die het gemaakt heeft, zoo behoort de i1£
mensch aan God, zijnen Schepper. Maar God w
221
schiep den mensch vrij, omdat Hij van hem eene vrije gift verlangt van alles, wat hij heeft en is, vooral van zijn hart. « Mijn zoon, geef Mij uw hart.quot; Helaas ! dat zoovele menschen die vrijheid misbruiken, hun hart aan God weigeren !â Zoo niet Maria ! Zoodra Zij de strenge verplichting kon begrijpen, haar Hart aan God te moeten geven, wijdde Zij het Hem op de volmaaktste wijze toe. â Een Engel openbaarde eens aan de H. Brigitta ; « Onze Koningin besloot aanstonds, haar Hart met al zijne genegenheden , voor geheel haar leven aan God op te offeren ; en niemand kan beseffen, met welke edelmoedigheid Zij zich toen onderwierp aan alles , wat den Heer aangenaam zou zijn.quot; Maria schonk haar Hart geheel en al, wetende, dat geen verdeeld hart aan God kan behagen. Zij offerde zich zonder eenig voorbehoud en wijdde Hem al hare hoedanigheden , al hare zinnen, geheel haren geest, geheel haar Hart, geheel hare zie! en geheel haar lichaam. En nooit nam Zij iets van het offer terug, dat Zij met de grootste vreugde en vurigheid gebracht had.
« Mijn Heer en mijn God ,quot; zoo laat een godvruchtig schrijver Haar spreken , « Ik ben hier (in den tempel) slechts gekomen , om U te behagen, om U alle mogelijke eer te bewijzen; Ik wil. .. voor U leven en sterven. Neem het offer
222
aan, dat uwe arme dienstmaagd U brengt, en geef Haar de genade van U getrouw te blijven.quot; En wij ? . .. Laten wij ons goed overtuigen, dat de Heer edelmoedig en getrouw is jegens ieder, die zich zonder voorbehoud aan Hem geeft.
GEBED.
O Maria, Gij hebt U op zoo jeugdigen leeftijd naar den tempel begeven , om U zonder uitstel en zonder voorbehoud aan de liefde Gods toe te wijden. Waarom kan ik U heden niet de eerste jaren mijns levens wijden, om mij geheel aan uwen dienst te verbinden, o mijne heilige en zoete Koningin ! Helaas ! dat die tijd voorbij is ! Ik heb zoovele jaren verloren met de wereld te dienen en aan mijne driften toe te geven, zonder mij met U of met God bezig te houden. Ik betreur dit ten zeerste; en dewijl het beter is, laat te beginnen dan nooit, kom ik , o Maria , mij voor mijn overigen levenstijd aan uwen dienst toewijden. Ik wijd U dan mijn verstand toe, o mijne Koningin, om altijd te denken aan de liefde, welke Gij verdient; mijne tong, om U te loven; mijn hart, om U te beminnen. Ntem, o H. Maagd, boe ellendig zondaar ik ook bön, de offerande aan, die ik U opdraag. En begin ik U zoo laat te dienen, dan is het billijk, dat ik door verdubbeling van ijver den verloren tijd herwin.
223
, en Sta mijne zwakheid bij, door mij van uwen Jesus
ven.quot; de volharding en de kracht te verkrijgen , om
i, dat Hem en U tot mijnen dood toe getrouw te blijven,
ïder , opdat ik , na in dit leven U gediend te hebben , U in den hemel eeuwig moge gaan loven. Amen.
Getrouw en edelmoedig Hart van Maria, bid voor ons.
ertijd 6e DAG.
itstel Koni H. Geest, enz. hl. 7.
De te
erste Deugdenrijk Hart van Maria.
aan Maria's roeping eischte, dat Zij met alle deug-:e en den versierd werd ; anders ware Zij niet waardig ij is 1 geweest Moeder Gods te zijn , en kon Zij den ld te menschen , hare aangenomen kinderen , niet tot nder voorbeeld strekken. Aanhoudend nam Maria toe t be- in deugd, « gelijk de dageraad in licht toelaat neemt.quot;
, mij Maria's uitzicht was zedig, haar geest ootmoe-
ienst dig, hare spraak zachl en innemend, komende
e, o uit een geregeld hart. Met volharding beoefende
efde. Zij het gebed , het lezen der H. Schriften, het
ven; vasten en alle goede werken. Van allen, die
lagd, met Haar in den tempel leefden, stond Zij het
ande eerst op, was het stiptst in de onderhouding van
laat Gods wet, had den diepsten ootmoed en was in
ver-1 alle deugden het volmaaktst. Nooit zag men
win. Haai' ontroerd ; al hare woorden ademden zoozeer _
224
de zachtmoedigheid, dat men er altijd Gods geest in erkende.
Was haar uitwendig leven zoo goed geregeld , wat dan van haar inwendig te zeggen ? Maria, â zoo leeren ons de Heiligen verder, â trok hare gedachten, haar Hart van alle aardsche voorwerpen af, en beoefende alle deugden. Zoodoende maakte Zij zulken v oortgang in de volmaaktheid, dat Zij in korten tijd een Gode waardig heiligdom was !
Bewonderen wij Maria's deugden; doch stellen wij ons daarmede niet tevreden; maar trachten wij ze â al zij het dan slechts van verre â na te volgen. Doen wij ons best, om ons hart aan haar allerheiligst Hart gelijkvormig te maken; dit toch is de grootste hulde, die wij Haar kunnen brengen en daardoor zullen wij onfeilbaar zeker hare gunst verwerven.
GEBED.
O Moeder van barmhartigheid! daar Gij zoo medelijdend zijt en zoo groot verlangen hebt goed te doen aan ongelukkigen , kom ik, de ongelukkigste van allen, uwe goedheid afsmeeken. Laat anderen U vragen , wat zij wille.i: gezondheid , rijkdom en tijdelijke voordeelen ; ik, o Maria! vraag U, wat Gij zelve verlangt in mij te vinden, wat het meest aan uw allerheiligst Hart behaagt.
225
Gij zijt zoo nederig, verkrijg voor mij de nederigheid en de liefde tot de verachting. Gij zijt zoo geduldig geweest in de moeilijkheden en kwellingen van dit leven, verkrijg voor mij geduld in tegenspoed. Gij zijt zoo vervuld van liefde tot God , verkrijg voor mij de gave der heilige liefde. â Gij zijt vol naastenliefde, verkrijg voor mij , dat ik mijnen evenmensch met eene welgeregelde en werkdadige liefde beminne. In één woord, Gij zijt het heiligste van alle schepselen; maak mij heilig, o Maria. Gij kunt en wilt mij alle goed verschaffen; alleen dus mijne onachtzaamheid om U aan te roepen , of mijn klein vertrouwen in uwe voorspraak , zouden een beletsel zijn voor het ontvangen uwer gaven. Maar deze noodzakelijke voorwaarden, namelijk getrouwheid in U aan te roepen en vertrouwen op U, moet Gij zelve mij geven. Van U vraag ik ze dus; van U verwacht ik ze met zekerheid, van U, o Maria, mijne Moeder, mijne Hoop, mijne Liefde, mijn Leven , mijne Toevlucht, mijne Hulp en mijn Troost. Amen.
Allerheiligst Hart van Maria, bid voor ons.
7« DAG.
Kom , H. Geest, enz. bl. 7.
Liefde van Maria's Hart.
Maria's Hart was volmaakt in alle deugden; n. 15
226
maar vooral, zegt de H. Alphonsus , schepte het â vermaak in de liefde, den ootmoed en het gebed. De H. Maagd verklaarde zelve aan de H. Elisabeth , Benedictijnernon , dat Zij onder alle voorgeschreven geboden vooral dat der liefde voor oogen hield. « Gij zult den Heer uwen God beminnen uit geheel uw hart.quot;
Passen wij het woord der H. Schrift: « Ik bemin, die Mij beminnen,quot; en dat van Jesus: « Die Mij bemint , zal van mijnen Vader bemind worden.. ..;quot; op Maria toe, dan kunnen wij eenigs-zins begrijpen , hoe haar Hart van liefde tot God moet gebrand hebben. â Heeft haar aanbiddelijke Zoon , op aarde gekomen om het vuur der Goddelijke liefde in alle harten te ontsteken, ooit een hart kunnen vinden, dat zoo ontvankelijk was voor de liefde, als dat zijner H. Moeder? Met welk een onbegrijpelijken liefdebrand moet Hij dus dat Hart vervuld hebben, dat Hart, Hem dierbaarder dan eenig ander; dat Hart, zoo zuiver en zoo ontdaan van alle aardsche genegenheid. De liefde vereenigde zoodanig het Hart van Jesus met het Hart van Maria, dat beide slechts één Hart vormden. Haar Hart brandde onophoudelijk door de Goddelijke liefde met zulfcen gloed, dat er een voortdurend wonder vereischt werd, om onder zoo hevige liefdevlammen te kunnen blijven
leven. Het was dan ook de liefde, die aan dit wondervol leven een einde maakte â¢
Maria stierf van liefde !
GEBED.
H. Maagd Maria, ik smeek U, om de liefde, die uw H. Hart verteerde, doe mij eens goed begrijpen , dat de ware liefde meer in daden dan in woorden bestaat, en leer mij, hoe ik het moet aanleggen, om immer H de Goddelijke liefde toe te nemen. Verkrijg mij verder de genade, om edelmoedig ten offer te brengen al wat aan die liefde in den weg staat, al wat mij belet, om daarin steeds voortgang te maken. O Maria, verwerf mij eene edelmoedige, eene brandende liefde tot God, Geef dat ik steeds in waarheid kunne zeggen : « Ik verlang alleen God, en U, om mij te ondersteunen in den strijd , den kommer en het verdriet van dit leven.quot; Ik verzaak aan alles en wil liever de vriend Gods en uw dienaar zijn dan over de geheele wereld heerschen. Mijn koningschap zal bestaan in U, o mijne Vorstin, te dienen, te zegenen en op aarde te beminnen; want « U te dienen ,quot; zegt de H. Anselmus, « is heerschen.quot;
O Gij, die de Moeder der volharding zijt, verkrijg mij de genade, U tot. aan mijn dood getrouw te blijven. Op uwe hulp steunende, hoop ik eens
2^8
den hemel in te gaan, om U eeuwig te loven en dt
te zegenen , en mij niet meer van uwe heilige sc
voeten te verwijderen. O Moeder, ik betuig, voor H
God en U te willen leven, te willen lijden, te ht
willen sterven en geheel de uwe te willen zijn. dt
Amen. re
Hart van Maria, brandende van de zuiverste ht
liefde , deel mij een vonkje uwer liefde mede. dt
8a DAG. d'
h,
Kom, 11. Geest, enz. bl. 7.
Nederigheid van Maria's Hart. 01
De tweede deugd , die Maria zoo bijzonder op G
prijs stelde , was de nederigheid. eâ¬
Er staat geschreven , dat « God zijne genade
schenkt aan de nederig enquot; ; waaruit volgt, dat ri
de grootste overvloed van genade aan de grootste zi
nederigheid moet geschonken worden. Welnu, nt
daar Maria de nederigste onder alle schepselen ve
bevonden werd, ontving Zij een zoo grooten toe- sl vloed van genade, dat Zij eenigermate waardig werd Gods Moeder te zijn. De H. Antoninus o. a.
drukt zich daaromtrent aldus uit; « dat de nederigheid van Maria hare volmaakte en naaste ge- ht steltenis was, om Gods Moeder te worden.quot; ve Ten andere, volgens den door Jesus zeiven vast- zi gestelden regel : « Hij, die zich vernedert, zal ver- k; heven worden moest de hoogste waardigheid vc
t2'29
der wereld als belooning aan het nederigste der schepselen worden gegeven. « God zegt de H. Hieronymus , « koos Maria tot zijne Moeder om hare nederigheid , eerder dan om al hare andere deugden.quot; En had de H. Maagd zelve dit niet reeds uitgedrukt in den lofzang harer nederigheid , het Magnificat 9 « Dn Heer heeft de nederigheid â de geringheid , het niet â zijner dienstmaagd aangezien.... en groote dingen heeft Hij, die machtig is, in Mij gewerkt.quot;
Overigens God kon ook in zijne wijsheid de onvergelijkelijk hooge waardigheid van Moeder Gods zonder gevaar niet toevertrouwen dan aan eene grenzenlooze nederigheid.
Besluiten wij dus met den H. Alphonsus : « Maria heeft zich niet meer kunnen vernederen , dan zij zich vernederd heeft, en om wille van hare nederigheid heeft God Haar tot zijne Moeder verkozen en Haar zoo hoog verheven, als Hij Haar slechts verheffen kon.quot;
GEBED.
O allerheiligste Maagd! verheven schepsel ! het nederigste en het grootste voor God! Ik verheug mij, U zoozeer met God vereenigd te zien, dat een eenvoudig schepsel het niet inniger kan zijn. Maar als ik U zoo nederig en toch zoo volmaakt zie , word ik schaamrood , ik , die zoo
230
hoovaardig en toch zoo zondig ben. Evenwel durf ook ik , hoe ellendig dan ook , U met den Engel Gabriël groeten : Ave , gratia plena ! Gij zijt vol van genade ; o, verwerf er mij een gedeelte van. Dominus tecum: de Heer, die met U geweest is van het eerste oogenblik van uw bestaan , heeft Zich nog inniger met U vereenigd door uw Zoon te worden. Benedicta tu in mu-lieribus. O Vrouw , gezegend onder alle vrouwen ! verkrijg ook voor ons de Goddelijke zegeningen. Et henedictus fructus ventris tui Jesus. O gelukzalige plant, die der wereld eene zoo heilige en edele vrucht geschonken hebt / Sancta Maria, Mater Dei! O Moeder , ik erken en belijd, dat Gij de waarachtige Moeder van God zijt. Ora pro nobis peccatoribus: maar zoo Gij Gods Moeder zijt, zijt Gij ook de Moeder onzer zaligheid ; want om de zondaars zalig te maken, is God mensch geworden, en Hij heeft U tot zijne Moeder gekozen , opdat uwe gebeden de kracht zouden hebben ons allen te redden. Bid dan , o Maria, bid voor ons. Nunc et in hora mortis nostrae: bid altijd, bid nu, terwijl wij in dit leven blootgesteld zijn aan zoovele bekoringen en zoo groote gevaren van God te verliezen. Maar bid vooral in het uur van onzen dood; dat oogenblik, waarvan alles afhangt. Bid dan, opdat wij heilig moaren leven en zalitf sterven, en voor eeuwig
1-
231
wel in den hemel den goeden God en U mogen loven den en verheerlijken. Amen.
Gij Allernederigst Hart van Maria, maak mij nederig.
elte 9£ DAG.
U
Kom, H. Geest, enz. bl. 7.
.â¢,IT] Biddend Hart van Maria.
nu- De Heer kan niets weigeren aan hem, die
ou- met ootmoed bidt. « Het gebed van eene nederige
»in- zielzegt de H. Geest, « dringt tot in den
O hemel door, stelt zich voor den troon des Aller-
lige hoogsten , en gaat niet heen dan na verhoord te
â¢ia, zijn.quot; (Eccl. 35.) Maria's Hart was zóó nederig,
dat dat het in alles verhoord moest worden.
lm Maria wijdde een groot gedeelte van den dag
oe- en den nacht aan het gebed en innerlijk onder-
id; houd met haren God. Dit was de geliefkoosde
jud bezigheid van haar van liefde brandend Hart;
der dit haai- grootste vermaak. O, hoe goed wist
ien Maria de groote zaak van de verlossing der we-
â¢ia , reld met God te behandelen !... « Eiken nacht,quot;
:ie: zoo openbaarde Zij aan eene barer vrome diena-
iot- ressen, « ging ik voor het altaar in den tempel
ote Gods bidden om de genade, in deze wereld de
iral Moeder des Verlossers te mogen zien.quot; En ter-
ik , wijl Zij in haren ootmoed zich onwaardig achtte,
iliff de dienares van Gods Moeder te worden , werd
o 7
vig Zij verkozen om zelf zijne Moeder te zijn. â O
232
macht des gebeds van een ootmoedig en zuiver hart!
Volgen wij Maria's verzuchtingen na , om God de komst in onze zielen te vragen. Door de heiligmakende genade komt God in ons. Zonder dezelve waren wij diepongelukkig; met haar kunnen wij ons gelukkig noemen. Zij toch overtreft alle gaven, die een sterveling kunnen geschonken worden. Door haar worden wij nauw met God vereenigd; en die vereeniging wordt telkens nauwer, wanneer wij eene verzuchting van liefde doen.
Jesus komt in ons door de H. Communie. Mochten wij door onze verzuchtingen en gebeden ons hart bereiden om Hem dikwijls en waardig te ontvangen.
Eindelijk komt God in zijne uitverkorenen dooide hemelsche glorie. In den hemel zal ons geluk volmaakt zijn; daar zullen wij God zien en in Hem alle goed genieten ; daar zullen wij ook eerst voorgoed begrijpen, hoe barmhartig, schoon en heilig het beminnelijk Hart van Maria is.
GEBED.
Verheven Moeder Gods ! gedenk , dat het niet alleen voor U, maar ook voor ons is, dat Gij eene zoo hooge waardigheid hebt verkregen. Maar verre van mij de gedachte, dat Gij dit zoudt kun-vergeten ! En als Gij weldoet aan hen , die U
233
zelfs niet kennen of U niet eeren , wal mogen wij dan niet hopen van uwe onmetelijke goedheid , van U , die de zondaars opzoekt om ze te troosten , wij, die U eeren , die ü beminnen en in U ons vertrouwen stellen I â ü Moeder van barmhartigheid ! wij bieden U onze dooide zonde zoo gruwzaam besmeurde zielen aan , opdat Gij ze zoudt gelieven te zuiveren. Verkrijg voor ons eene oprechte verbetering des levens, eene vurige liefde tot God, de volharding en den hemel. Verkrijg ons ook vooral de genade, om in moeilijkheden en bekoringen tot U onze toevlucht te nemen ; want zijn wij daaraan getrouw, dan is ons heil verzekerd. Uw Goddelijke Zoon immers kan U niets weigeren , en Gij zijt zoo goed, dat Gij vuriger verlangt ons te kunnen helpen, dan wij kunnen verlangen, door ü geholpen te worden. Amen. (1)
Ik schenk U mijn hart , Moeder van mijnen Jesus, Moeder der liefde.
loOÃ dagen afl. eiken keer )
Gekend , geprezen , gezegend, bemind, gediend en verheerlijkt, zij te allen tijde en overal het Goddelijk Hart van Jesus en het onbevlekt Hart van Maria. Amen.
T
(,60 tlaireu aflaat.)
(1) Voor de Aflaten, aan deze Noveen verbomlen , ^eldt de AANMERKING op bi. 7.
19.
Noveen ter voorbereiding voor het feest van den H. Rozenkrans. 1quot; Zondag in October.
{Zij begint Vrijdag vóór den laattiten Zondag van September.)
Voor de Artaten, zie AANMERKING, bl. 7.
iquot; DAG.
O God, zie op tot mijne hulp,
Heer, haast U om mij te helpen.
Glorie zij den Vader , enz.
Om ons altijd meer van de verhevenheid van het Rozenkransgebed te overtuigen, willen wij in 't kort zijn oorsprong in herinnering brengen.
De H. Dominicus heeft sinds geruimen tijd al het mogelijke gedaan, om de gevaarlijke Albigen-zen weder voor liet ware geloof' te winnen. Maar al zijne pogingen lijden schipbreuk op de verstoktheid der ongelukkigen.
Nu wendt hij zich smeekend tot de Moeder der barmhartigheid; hij kastijdt zich, vast en weent, om Haar tot medelijden met de rampzaligen te bewegen. De Moeder van barmhartigheid kan zulk een bede onmogelijk onverhoord laten.
235
Zij verschijnt liaren trouwen dienaar, en leert hem den Rozenkrans bidden.
GEBED.
Heb dank! H. Maagd , voor de groote genade, die Gij aan den H. Dominicus en door hem aan de gansche H. Kerk bewezen hebt, met hem het Rozenkransgebed te leeren. Dank ! voor de tal-looze gunsten en genaden , op het bidden van dit voortreffelijk gebed aan de menschen geschonken. Maak, dat ik geen dag van mijn leven late voorbijgaan , zonder ten minste een gedeelte van den Rozenkrans met godsvrucht en passenden eerbied te bidden. Geef mij die genade, o goede Moeder, en ik houd mij van mijne zaligheid verzekerd.
3 Wees gegroet.
Koningin van den allerheiligsten Rozenkrans, bid voor ons.
2® DAG.
O God, zie, enz. Heer, haast U, enz. Glorie, enz.
« Dominicus , mijn innig geliefde zoon,quot; aldus spreekt de Hemelkoningin haar ijverigen dienaar bemoedigend toe , « wijl gij volgens het verlangen van mijn Goddelijken Zoon , en vertrouwend op mijnen bijstand, zoo dapper en onvermoeid de vijanden der Kerk hebt bestreden, ben Ik gekomen , om u hulp en bijstand te verleenen.quot;
T
*
236
De Koningin van hemel en aarde was vergezeld van drie andere koninginnen , en ieder van deze had vijftig edele jonkvrouwen in haar gevolg,
Deze drie koninginnen richten den nog machteloos ter aarde liggenden H. Dorninicus op en voeren hem voor Maria.
GEGED.
Heb dank ! H. Maagd, enz. bl. 235.
3 Wees gegroet. Koningin van den allerheiligsten Rozenkrans , bid voor ons.
3« DAG. aegquot;
Vt
O God, zie, enz. Heer, haast U, enz. Glorie, enz. se, r
... De Koningin van den H. Rozenkrans drukt arbe
haren gunsteling aan haar moederhart, en na alle
hem met hemelschen troost en de kracht Gods beid
vervuld te hebben , verklaart Zij den Heilige de Eeni
manier, waarop de Rozenkrans moet gebeden man
worden , alsook de waarde, het nut en de kracht bew(
van dit gebed. « Gij weet, mijn zoon zoo gaat
de H. Maagd voort, «welke middelen God heeft IT
rl(
aangewend , om het menschdom te verlossen. Het
ST06'
eerste was de boodschap van den Aartsengel Gabriel ; dan volgde de geboorte en het leven van Jesus ; daarop zijn bitter lijden en schandelijken O dood , zijne verrijzenis en hemelvaart.quot; ... Dt
237
GEBED.
Heb dank ! H. Maagd, enz. bl. 235. 3 Wees gegroet. Koningin , enz.
4quot; DAG.
O God, zie, enz. Heer, haast U, enz. Glorie, enz.
« Door deze middelen ,quot; aldus vervolgt Maria , « werd de wereld verlost en de hemel geopend. De geheimen van hef leven en lijden van Christus, verbonden met het gebed des Heeren en het Wees gegroet, zijn mijn Rozenkrans. Ga nu, en leer dit gebed aan de afvalligen en het zal het begin hunner bekeering zijn.quot;
Verheugd en getroost ijlt de Heilige naar Toulouse, reeds zoo lang getuige van zijn onvruchtbaren arbeid. Hij nadert de stad. Daar beginnen op eens alle klokken der kathedraal te luiden. Alle arbeid wordt gestaakt, iedereen snelt tempelwaarls. Eenigen klimmen in den toren, maar vinden niemand , die de nog altijd luidende klokken in beweging brengt.
GEBED.
Heb dank ! H. Maagd, enz. bl. 235. 3 Wees gegroet. Koningin, enz.
5e DAG.
O God, zie, enz. Heer, haast U, enz. Glorie, enz.
De H. Dominicus bestijgt den kansel. Zijne
oogen schitteren van een heilig vuur, zijn voorhoofd is van een straalkrans omgeven, heilige geestdrift spreekt uit geheel zijn wezen.
Zóó predikt de Heilige den Rozenkrans, vermaant het volk met aandrang , het H. Rozenkransgebed dikwijls ten hemel testieren, omdat deze bede, hem door Maria geleerd, de duivelen ontstelt, de Engelen verblijdt, het Hart der Moeder Gods tot de teederste liefde beweegt en der aarde vergeving en heil verschaft.
GEI3ED.
Heb dank ! H. Maagd, enz. bl. 235. 3 Wees gegroet. Koningin , enz.
6e DAG.
O God, zie, enz. Heer, haast U, enz. .Glorie, enz.
De ketters knarsetanden van woede, ballen de vuisten, stormen de kerk uit en beramen een plan om de vermetelheid van Dominicus te straffen.
Maar God zal den Heilige bijstaan ; Hij spreekt door de stem van een vreeselijk onweder. Vervaarlijke donderslagen volgen snel op elkander ; bliksemschichten doorklieven aanhoudend het donkere zwerk, de wind huilt, de aarde beeft, de hemel hult zich in de akeligste duisternis.
Het groote beeld van Maria heft meermalen de rechterhand op en schijnt te zeggen :
239
« Zoo gij niet naar den Heilige wilt luisteren , en doen, wat hij u voorhoudt, zult gij allen te gronde gaan.quot;
GEBED.
Heb dank ! H. Maagd , enz. bl. '235. 3 Wees gegroet. Koningin , enz.
7quot; DAG.
O God, zie, enz. Heer, haast U, enz. Glorie, enz.
Geen wonder, dat bij dit alles de inwoners van Toulouse sidderen en beven. Zij vallen op de knieën , slaan op hunne borst, bekennen hunne schuld , beloven zich te bekeeren, en bidden vurig tot Maria. De hel was eens te meer door Maria overwonnen. Dominicus had het geluk meer dan honderd duizend ketters tot den schoot der H. Kerk terug te voeren. Deze bekeerden , deze nieuwe kinderen Gods, vormden de eerste Broederschap van den H. Rozenkrans, baden ijverig dit schoone gebed , dat zij vereerden als een geschenk, ontvangen uit de handen van de Koningin des hemels. Het was in het jaar der genade 1202.
GEBED.
len
Heb dank ! H. Maagd, enz. bl. 235. 3 Wees gegroet. Koningin, enz.
'240 S' DAG.
O God, zie, enz. Heer, haast U, enz. Glorie, enz.
De H. Katholieke Kerk, die alles wat edel en goed is, onder hare bescherming neemt, behartigde steeds met allen ijver de godsvrucht van den H. Rozenkrans, en stelde zich ten taak , dit voortrellëlijk gebed alom te doen kennen en beoefenen.
Weldra ontstaan er onder hare leiding in steden en dorpen godsdienstige vereenigingen , om gezamenlijk den Rozenkrans te bidden, waardoor de grondslag wordt gelegd van de Broederschap van den H. Rozenkrans , door de Kerk goedgekeurd , begunstigd en aangemoedigd.
GEBED.
Heb dank ! H. Maagd , enz. hl. 235. 3 Wees gegroet. Koningin, enz.
9e DAG.
O God, zie, enz. Heer, haast U, enz. Glorie, enz.
Sinds liet jaar 1258 verschenen minstens 220 pauselijke bullen , brieven of uitspiaken van den H. Apostolischen Stoel ten gunste van den H. Rozenkrans en de Broederschap. Onder de vele Pausen , die zich door hunnen ijver voor den H. Rozenkrans hebben onderscheiden , komt gewis eene eereplaats toe aan onzen roemrijk regeerenden
241
H. Vader Leo XIII. Aan hem danken wij den den titel, aan de Litanie van O. L. Vrouw van Lorette toegevoegd: «Koningin van den allerheiligsten Rozenkrans , bid voor ons alsmede de plechtige viering der Octobermaand als maand van den H. Rozenkrans. Onvermoeid is Z. H. in zijne opwekkingen . om de geloovigen in alle moeilijkheden hun toevlucht te doen nemen tot den H. Rozenkrans, en tevens om hen te leeren, hoe zij dien met het grootste nut zullen bidden, o. a. door daarbij de bekende geheimen of mysteriën te overwegen.
Mochten wij en alle Katholieken steeds aan het verlangen van onzen H. Vader beantwoorden !
GEBED.
Heb dank ! H. Maagd, enz. bl. 235. 3 Wees gegroet. Koningin, enz.
go.
Noveen ter eere van den H. Francisous van Assisië.
(Zij begint dan 258,en September.) le DAG.
H. Geest, die de gever van liet bidden zijt, geef mij de genade van goed te bidden.
H. Maagd Maria, bid voor mij en leer mij bidden.
De H. Franciscus van Assisië biedt in zijn leven veel overeenkomst aan met dat van onzen Goddelijken Zaligmaker. Om ons hiervan te overtuigen , hebben wij vooreerst slechts te wijzen op de vijf heilige wonden, die zijn lichaam droeg.
Onder de gedaante van een gekruisigden Serafijn verscheen hem eens de Heiland, in een schitterend licht, en terwijl Jesus hein vol minzaamheid toesprak, werd het hart des Heiligen met een liefdeschicht doorboord. Vervolgens werden ook zijne handen en voeten doorwond; en zoo was hij een levend afbeeldsel van Jesus, die Zich uit liefde tot ons met handen en voeten aan het
243
kruis heeft laten vastnagelen en zijn Goddelijk Hart liet doorboren. Niet zonder lievige smarten verdroeg Franciscus de heilige indrukselen ; maar met zijne smarten groeide ook voortdurend zijne liefde tot God aan.
GEBED.
Goddelijke Zaligmaker, heb dank voor de uitstekende gunst, hier aan Franciscus bewezen. En dit mirakel is niet. slechts voor hem , maar ook voor ons geschied. Gij wildet ons op het gezicht van uwen trouwen dienaar aan uw smartvol lijden herinneren. Geef dan , dat wij zijne wonden aanschouwende, door zijne voorspraak en verdiensten ons hart van de aardsche begeerlijkheden onthechten en voortaan slechts voor U leven.
O H. Franciscus, om de serafijnsche liefde, die uw hart verteerde , bid ik u , mijn hart tot blijdschap te stemmen , bij het beschouwen uwer roemrijke wonden, opdat ik ze eerbiedig vereere, en zij mij als zoovele monden opwekken , den goeden God vurig te beminnen en uit liefde tot Hem alle moeilijkheden tot aan mijnen dood toe geduldig te verdragen. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Eere zij den Vader, enz.
'244
2' DAG.
H. Geest , die enz. bl. 24'2.
H. Maagd Maria, enz. bl. '24'2.
Hoewel de deugden van den H. Franciscus zijne tijdgenooten met, bewondering vervulden, hield hij zich inderdaad voor een ellendigen zondaar , ja, als den grootsten zondaar der wereld. Wat men ook deed om hem over te halen , zich priester te laten wijden , hij weigerde, daar hij zich die hooge eer geheel onwaardig achtte. Prees men hem , dan sprak hij niet zelden over zijne gebreken , om den goeden dunk , dien men van hem had, weg te nemen. Harde bejegeningen en verwijtingen daarentegen , zelfs van den kant zijner medebroeders, waren hem steeds welkom ; hij toonde er zich dankbaar voor en zeide, dat zij gegrond waren. Veel liever wilde hij onderdaan dan overste zijn , en ofschoon zelf de stichter der Orde, zeide en toonde hij dikwijls, dat hij even gaarne aan den jongsten als aan den oudsten Minderbroeder onderworpen wilde zijn. â quot;Welke nederigheid ! ... En ik ? ...
GEBED.
O Jesus, God van Majesteit, die U zeiven zoo mateloos diep vernederd hebt, en wiens voorbeeld de H. Franciscus zooveel mogelijk wilde navol-
245
gen, ik bid U, ontferm U mijner! Helaas! hoe zwak en ellendig ik ben, en met zonden overladen , ben ik toch zoo hoovaardig. Steeds wil ik mij hoven anderen verheffen en ik kan niet dulden, dat men mij vernedert, of beter gezegd, behandelt, gelijk ik werkelijk verdien behandeld te worden. O Jesus , heb medelijden met mij !
En gij , nederige Franciscus, verkrijg mij de genade, dat ik, naar uw heldhaftig voorbeeld, mij van heden af ernstig moge toeleggen op het bestrijden van mijnen hoogmoed en het verwerven eener diepe nederigheid. Geef, dat ik gelaten de kruisjes en moeilijkheden aanneme , die de goede God mij overzendt; dat ik de miskenning en verachting der menschen met geduld en zelfs met blijdschap rerdrage, denkende, dat ik niets beters verdiend heb, en dat lijden en smaad mij voordeeliger zijn dan eer en achting, waardoor zoo menigeen ten gronde gaat.
Onze Vader. Wees gegroet. Eere zij den Vader, enz.
3- DAG.
H. Geest, die enz. hl. 242.
H. Maagd Maria, enz. bi. 242.
Men geeft den H. Franciscus den naam van « Seratijnschen Vader ,quot; en met recht; immers
246
liet liefdevuur, waarvan zijn hart blaakte, was H. zóó lievig', dat het hem meer op een hemelgeest, mii dan op een mensch deed gelijken. De liefde tot aar God was de drijfveer van al zijne handelingen ; te en het voedsel zoowel als het gevolg dier liefde ma was het volbrengen van den H. Wil Gods. De bo( liefde deed hem afstand doen van al zijne bezit- Er tingen , om zich onverdeeld aan den Heer toe ha te wijden. De liefde deed hem den marteldood ge: wenschen en zoeken. De liefde eindelijk spoorde be: hem aan, om zijnen naaste zooveel mogelijk van dienst (e zijn, overtuigd als hij was, dat hij God op1 onmogelijk naar behooren kon dienen, zoo hij do niet uit alle macht ijverde voor de zaligheid der ba zielen, waarvoor Jesus zooveel gedaan en geleden ne heeft. Meermalen geraakte hij in geestverrukking vo als hij slechts van de liefde Gods hoorde gewagen, kv en, naar het gevoelen van den H. Franciscus van tn Sales, zou de Serafijnsche Vader van liefde gestorven zijn. Vi
GEBED.
O dierbare Jesus, als ik den Kerkleeraar Bo- 1 naventura van den H. Franciscus hoor getuigen,
dat diens hart zoo brandend was van het goddelijk liefdevuur als een gloeiende kool doordrongen is van het vuur, hoe beschaamd sta ik dan over m
mijne onverschilligheid en koudheid. Voor den 1 vc
247
â as H. Franciscus waren de schepselen als zoovele
st, middelen, om zijne liefde tot God meer en meer
tot aan te wakkeren en zijne ziel tot haren Schepper
n ; te verhellen ; â mij daarentegen zijn zij menig-
'de maal beletselen voor het onderhouden uwer ge-
De boden, en eene aanleiding om U te vergrammen,
it- Erbarming, God van goedheid ! Ontsteek in mijn
oe hart het vuur uwer liefde en maak, dat al het
od geschapene mij opwekke om U altijd meer te
de beminnen.
in H. Franciscus, Serafijn van liefde, bid voor mij,
3d opdat ik ook van liefde voor mijnen God brande;
üj door de overweging van Gods oneindige liefde en
er barmhartigheid meer en meer in zijne liefde toe-
jn neme; in alles zooveel mogelijk zijnen H. Wil
ig volbrenge; de zonde hate en verafschuwe en in
n, kwellingen en wederwaardigheden bij Hem mijn
in troost zoeke. Amen.
e- Onze Vader. Wees gegroet. Eere zij den Vader, enz.
DAG.
3- 1
i, H. Geest, die enz. bl. 242.
s- H. Maagd Maria, enz. bl. 242.
n Wie als een H. Franciscus zijnen God bemint,
!r moet noodzakelijk vol liefde en leederheid zijn n i voor den evenmensch. Reeds in zijne jongelings-
248
jaren schonk Franciscus eens zijne kleederen aan een behoeftige ; en later heeft men hem dit meermaals zien herhalen. Nog schitterender blonk zijne heldhaftige naastenliefde uit in het verplegen van melaatschen. â Het lijden der menschen riep hem het bitter lijden voor den geest, dat Jesus om onze zonden heeft willen doorstaan ; en het gezicht van een hulpbehoevende stemde zijn hart tot het innigste medelijden.
Ging de lichamelijke nood van den naaste onzen Heilige zoozeer ter harte, wat dan te zeggen van de geestelijke ellenden, waaraan hij de menschen zag blootgesteld ? Hij zou de gansche wereld tot boetvaardigheid en bekeering hebben willen brengen. Moeite noch opolferingen schenen hern daartoe te groot. Niet slechts spoorde hij zijne ordebroeders tot ijver voor het bekeerings-werk aan, maar zelf doorreisde hij stad en land, om zielen aan het verderf te ontrukken en voor God te winnen.
GEBED.
Heb dank, goede God , voor al de liefde , die Gij door den H. Franciscus aan de menschheid hebt bewezen. Bij de overweging van de heldhaftige naastenliefde van uwen grooten dienaar moet ik van schaamte blozen. Hoe dikwijls maakte mijne eigenliefde mij nalatig in het ver-
249
mijnen als mij zeiven
Eere
den
zy
vullen mijner plichten jegens den evenmensch. Vergeef mij, mijn God, dat ik anderen en vooral armen zoo menigmaal hardvochtig en liefdeloos behandeld heb. Voortaan wil ik mijnen evennaaste, uit liefde tot U, als mij zeiven beminnen. En overtuigd, dat den mensch geen grooter ongeluk kan overkomen dan de zonde, wil ik niet alleen mij zeiven zorgvuldig voor elke zonde wachten , maar ook mijn best doen , om te beletten , dat. anderen zich aan zonden schuldig maken. Bewaar, Ueer .lesus, mij en mijnen evenmensch voor de zonde, inzonderheid voor elke doodzonde, die de vrucht van uw lijden en dood verijdelt.
H. Franciscus, groote weldoener der mensch-heid, bid voor mij , dat mijn hart gelijkvormig worde aan het uwe, opdat ik mij voortaan jegens den evenmensch gedrage volgens de voorschriften der ware naastenliefde. Maak, dat ik evennaaste inderdaad om God,
beminne. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet.
Vader, enz.
H. Geest, die enz. bl. 242.
H. Maagd Maria, enz. bl. 242.
Is de H. Franciscus yroot in het beoefenen van
5-= DAG.
'250
velerlei deugden, groot, vooral is hij in zijne beoefening der vrijwillige armoede. Hij verzaakte aan al zijne bezittingen, ten einde in de grootste armoede te leven. Hij beschouwde de armoede als een schat van onvergelijkelijke waarde, zoodat hij er God onophoudelijk om smeekte. Zóó dierbaar was hem de heilige armoede , dat hij haar nu eens zijne moeder of zijne zuster, dan weer zijne bruid of zijne koningin noemde. Menigmaal hoorde men hem klagen , dat de wereld haar versmaadde; en hij stelde alles in het werk, om den menschen hare hooge waarde te doen beseffen. Ontmoette hij iemand, die in zijn oog hulpbe-hoevender scheen dan hij, dan schaamde hij zich en verdubbelde zijne pogingen om door geen enkel schepsel in armoede te worden overtrotfen. Wat meer zegt, nooit werd er een sterveling gevonden, die hartstochtelijker te werk ging om aardsche schatten te verzamelen, dan Franciscus zich beijverde , om uit liefde tot God de armoede te beoefenen.
GEBED.
O mij ongelukkige, dat ik zonder ontroering aan de bittere armoede kan denken , die Gij , o Jesus, met uwe gezegende Moeder er, uw heiligen Voedstervader, uit liefde tot ons, zondaars, hebt willen verduren. De H. Franciscus kon bij de
251
gedachte hieraan zijne tranen niet bedwingen, en nauwelijks had hij de heilige armoede en de daarin opgesloten zaligheid leeren kennen, of hij legde er zich met hart en ziel op toe. Ik smeek U, mijn lieve Jesus, door de voorspraak uwer H. Moeder en den H. Joseph , geef, dat uw en hun voorbeeld, alsmede dat van den H. Franciscus, mij aanspore om alle ongeregelde zucht naar wereldsch bezit uit mijn hart te verbannen, opdat ik voortaan slechts voor U alleen leve.
En gij, H. Franciscus, vurige minnaar der evangelische armoede, ik smeek u, verwerf mij bij God, een vonkje van uwe liefde voor die zoo algemeen miskende deugd. Maak , dat ik voortaan niet meer naar den geest der bedrieglijke wereld met minachting op haar nederzie, maar integendeel haar immer meer leere hoogschatten, en niet uit het oog verlieze , dat Jesus, Maria en Joseph ons hierin op zulk eene treilende wijze zijn voorgegaan. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Eere zij den Vader, enz.
öe DAG.
H. Geest, die enz. bl. 242.
H. Maagd Maria , enz. bl. 242.
De onthechting van alles, wat het aardsche be-
252
treft, deed Franciscus onophoudelijk in de liefde Gods toenemen en maakte hem altijd gevoeliger voor het lijden , dat zijn Goddelijke Meester ter verlossing van den mensch heeft willen verduren. Niemand, die hem de geheimen van Jesus' lijden zag overwegen, kon ongevoelig blijven bij den vloed van tranen , die Franciscus daarbij menigmaal vergooi. â Geen enkel kerkelijk feest brak aan, waartoe hij zich niet te voren door ernstige overwegingen en strenge verstervingen had voorbereid. Zij , die het geluk hadden hem tot de H. Tafel te zien naderen , werden onwillekeurig tot diepe godsvrucht gestemd, dewijl hij alsdan, met zijnen God vereenigd , niet zelden in geestvervoering geraakte.
Onbeschrijfelijk groot was ook zijne godsvrucht tot Maria , zoodat hij voortdurend hare verheven deugden op de volmaaktste wijze trachtte na te volgen en door hare tusschenkomst de liefde tot den gekruisten Jesus dringend afsmeekte.
GEBED.
Mijn Goddelijke Zaligmaker, welk een wonderbaren voortgang in de deugd bewerkte bij Franciscus het godvruchtig overwegen der smartvolle geheimen ; en ik , ellendige, reeds meen ik veel gedaan te hebben , als ik vluchtig en met verstrooiden g-eest den kruisweg heb verricht. Ont-
253
ferm U mijner, o barmhartige Jesus, en ontsteek in mijn hart het vuur uwer Goddelijke liefde. Voortaan wil ik, bijgestaan door uwe H. Moeder, uw H. Voedstervader en alle Heiligen , aan uwe eindelooze goedheid beantwoorden. Geef, dat ik mij met meer zorg toelegge op de kennis uwer heilige geboden en dien overeenkomstig mijn gedrag inriehte.
H. Franciscus, schitterend toonbeeld van godsdienstzin , die uw hart door gebed en boetvaardigheid zoo zorgvuldig op 's Heeren komst hebt voorbereid, bid voor mij, opdat mijn hart, van alle zonden gezuiverd, eene reine woonplaats worde voor mijnen Jesus, en ik Hem niet slechts inwendig eere , maar ook door uitwendige werken steeds van mijne wederliefde getuigenis af-legge. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Eere zij den Vader, enz.
7» DAG.
H. Geest, die enz. bl. 242.
H. Maagd Maria , enz. bl. 242.
« Wilt gij mijne voetstappen volgen , verzaak dan u zeiven, neem uw kruis op en volg Mij.quot; Aldus sprak de gekruisigde Zaligmaker tot den H. Franciscus, toen Hij Zich voor het eerst
aan hem vertoonde. Zonder aarzelen gaf de Heilige hieraan gehoor en aanvaardde het kruis met de grootste onderwerping. Grootmoedig, met blijdschap zelfs, verdroeg hij de bitterste versmadingen , welke hij om zijne buitengewone en strenge levenswijze te verduren had. Hier noemde men hem een krankzinnige ; daar schold men hem een huichelaar en bedrieger ; elders wierp men hem met slijk en steenen. Doch de Heilige deed, alsof hij het niet bespeurde. Geen onwaardige behandeling, zelfs niet die van zijn eigen vader, vermocht zijn geduld in het minst, te doen wankelen. Meer dan eens had hij zware ziekten en vreeselijke pijnen te doorstaan , maar hij beschouwde dat alles als gunsten, hem door God bewezen. Hij voelde zich gelukkig iets te mogen lijden uit liefde tot Hem , die om onzentwil zooveel heeft willen verdragen.
GEBED.
Mijn dierbare Zaligmaker , hoe beschamend is voor mij uw voorbeeld en dat uwer Heiligen. Gij hebt uw leven in verdriet en kwelling doorgebracht , en ik zoek slechts genot en vermaak , en word bedroefd en ontsteld bij het geringste lijden , dat mij treft. En toch ook tot mij hebt Gij gezegd; « Zoo gij mijn leerling wilt zijn , verloochen u zei ven, neem uw kruis op en volg
255
Mij.quot; Wie zal mij de noodige moed en sterkte geven , om al het lijden , dat mij overkomt, met geduld en zelfs met, vreugde te verdragen ? Uwe genade, Heer Jesus ! uwe genade alleen kan dit wonder in mij uitwerken. Geef mij die genade, lieve Jesus, en leer mij met haar medewerken , om door elk kruisje , dat mij treft, U meer en meer welgevallig te worden en een grooten schat van verdiensten voor den hemel te vergaderen.
En gij, edelmoedige kruisdrager, H. Fran-ciscus , bid voor mij en verkrijg mij de genade, dat ik evenals gij en alle Heiligen, het kruis met, de oogen des geloofs beschouwe en het zóó drage , dat het mij een bron van zegen en verdiensten woi'de. Amen.
Onze Vader. quot;Wees gegroet. Eere zij den Vader , enz.
8e DAG.
H. Geest, die enz. bl. 242.
H. Maagd Maria, enz. hl. 242.
Sinds het tijdstip, dat Franciscus aan alle wereid-sche ijdelheid verzaakte, om zich geheel en onverdeeld aan God te géven, kan men zijn leven eene aaneenschakeling van strenge vasten- en boetedagen noemen. Het eenige voedsel, dat hij gebruikte, bestond in een weinig groente.
256
in water gekookt en met asch vermengd. Werd vera
hij door ziekte tot het gebruik van vleesch ge- van
noodzaakt, dan was er nauwelijks eenige beter- ner
schap in zijnen toestand te bespeuren, of hij E
legde zich nog grooter boetplegingen en ontberin- het
gen op dan naar gewoonte. Hij vond een waar vroe
genot in het ruwe boetgewaad, de koorden, beh:
waarmede hij zijn lichaam kastijdde, en de tra- zinn
nen van berouw , welke hem des nachts geen bed
slaap gunden. Eens, dat de bekoringen tegen bek
de heilige deugd hem overvielen, wentelde hij ovei
zich in de doornen. Voortdurend verzon hij mid- C
delen, om zijn lichaam te bedwingen , zoodat Vac dit, door de aanhoudende kwellingen afgemat,
zich eindelijk , zonder den minsten tegenstand, aan den geest gewonnen gaf.
I
GEBED. j
O goede Jesus, hoezeer is mijn gedrag met 1
dat van den H. Franciscus in strijd. Hij was zoo bef
ver van de zonde verwijderd, en evenwel wat al dei
boetedoeningen verrichtte hij ! Ik daarentegen, ste
die mij aan zoovele zonden heb schuldig gemaakt eer
en alles van mijne driften te vreezen heb, ik vai
zoek steeds mijn gemak, wil door de menschen hei
geacht en geprezen worden en ben afkeerig van str de kleinste versterving. Ik smeek U, o beminde toe Jesus, bij al uw lijden en uwen bitteren dood,
i
257
Werd verander mijn liart en bevestig mij in het besluit
h n6- van liever te sterven, dan U, door het involgen mij-
beter- ner zondige neigingen, nogmaals te vergrammen,
of ''Ã En gij , heilige boeteling Franciscus, die bij
berin- het naderen des doods uw lichaam om ver£revinar
O O
waar vroegt over de hardheid, waarmede gij het steeds
fden , behandeld hadt, bid voor mij, dat ik thans mijne
; tra- zinnen leere versterven, opdat ik op mijn sterf-
geen bed uitgestrekt mij niet te beklagen hehbe, meer
tegen bekommerd te zijn geweest over het lichaam dan
'e hij over mijne onsterfelijke ziel. Amen.
mid- Onze Vader. Wees gegroet. Eere zij den
oodat Vader, enz.
mat,
and' 9» DAG.
H. Geest, die enz. bl. 242.
H. Maagd Maria, enz. bl. 242.
met Biedt ons de H. Franciscus de trefTendste voor-
s zoo beelden van deugd aan bij zijn leven , niet min-
at al der bewonderenswaardig is hij bij zijn zalig af-
oen! sterven. Zijne voorbereiding tot den dood was
aakt eene laatste overweging over de uiterste armoede
gt; van Jesus aan het kruis. Deze overweging deed
chen hem besluiten, zich op den harden grond uit te
van strekken; doch zijn overste reikte hem een kleed
inde toe en zeide, dat dit eene aalmoes voor hem
jod, N. 17
258
was. Hierover ten zeerste verheugd, dankte dit Franciscus den goeden God, dat Hij hem de ge- U nade geschonken had, van tot het einde zijns me levens getrouw te zijn gebleven aan de armoede.
Op zijn verzoek las men hem het lijden des Zalig- voi makers volgens den H. Joannes voor. Hierop le\ had hij nog den 141slgt;quot; psalm; waarna zijne we schoone ziel ten hemel snelde. Die dood, zoo ne kostbaar in Gods oogen, ging van een schitterend ve: mirakel vergezeld. Nauwelijks toch was de Heilige va gestorven, of zijn uitgeteerd lichaam werd wit va als sneeuw en schitterde van ongekende schoon- wt heid. De wonden in handen en voeten vertoon- to( den zich beter dan ooit, terwijl de zijdewond stc prijkte als eene frissche roos.
Vc
GEBED.
O mijn Zaligmaker, welk treilend schouwspel levert ons het sterven van den H. Franciscus.
Schenk mij, bid ik U, door de groote verdiensten van hem , die het voorrecht mocht genieten de vijf heilige wonden in zijn lichaam te dragen, de genade, dat ik mijn gedrag naar zijn voorbeeldig leven inrichte , door alles te vermijden ,
wat U mishaagt. Geef, dat mijn eenig streven voortaan zij, de verheerlijking var uwen Naam; ten einde ik, na U hier op aaroe getrouw ge-
259
ikte diend te hebben , eens zalig moge ontslapen, om
ge- U daarboven zonder ophouden, in vereeniging
ijns met uwe Heiligen , te loven en te danken,
'de. O H. Franciscus, ik bid u, versterk het goede
lig- voornemen, waartoe de overweging van uw heilig
rep leven en slerven mij heeft aangespoord. Ver-
ijne werf mij van God de genade, van mijne booze
zoo neigingen krachtdadig te bestrijden, een waarlijk
end verstorven en boetvaardig leven te leiden ; onthecht
lige van al het aardsche mij alleen op het volbrengen
wit van Gods H. Wil toe te leggen ; door de over-
on- weging van Jesus' lijden voortdurend in zijne liefde
on- toe te nemen en eenmaal een zaligen dood te
jnd sterven. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Eere zij den Vader, enz.
Si.
Noveen ter eere van de H. Teresia.
{Zij begint den (3d';n October.)
DAG.
O allerbeminnelijkste Heer Jesus Christus, wij bedanken U voor de lt;rroote gave des geloofs en der godsvrucht tot het Allerheiligste Sacrament, die Gij aan uwe welbeminde Bruid Teresia verleend hebt. Door uwe verdiensten en die dezer groote Heilige, uwe getrouwe Bruid , bidden wij U, ons een levendig geloof en eene vurige godsvrucht tot het H. Sacrament des Altaars te ver-leenen , waar uwe oneindige Majesteit zich verplicht heeft tot het einde der eeuwen onder ons te verblijven, en waarin Gij U zeiven met zoo groote liefde aan ons geeft. Amen.
O Serafijnsche H. Teresia , gij waart door uw levendig geloof, uwe zuiverheid en uwe brandende liefde reeds hier op aarde bijzonder welgevallig in de oogen van uwen Jesus, die Zich , ten bewijze zijner liefde , zelfs eenmaal « Jesus van Teresiaquot; wilde noemen.
1-
â¢261
Bid uwen Jesus voor mij , die Hein , helaas ! door mijn ongeregeld leven zooveel verdriet veroorzaakt, heb. Bid Hem , dat Hij mij vergeve, en een hart schenke, dat het uwe gelijkt en geheel van liefde brandt.
Ach ja, lieve Jesus, ik bid U, om uw voor mij vergoten bloed, om de verdiensten uwer H. Moeder , van den H. Joseph en de H. Teresia , verleen mij een zoo levendig geloof en zoo vurige
.vij liefde, dat ik voortdurend de beleedigingen , die
en ik U heb aangedaan, beweene, en dat ik voor-
it, taan niets anders zoeke dan U te behagen , wijl
;r- Gij alleen onze liefde verdient. Amen.
;er H. Maagd Maria, teedere Moeder, die de H.
vij Teresia steeds zoo liefdevol hebt bijgestaan , ver-
Is- krijg mij de genade, die ik het meest noodig heb.
!r- H. Joseph, trouwe Beschermer der H. Teresia,
!r- verwerf mij een levendig geloof, eene vurige liefde
ns tot Jesus en Maria, en wat ik verder in deze no-
oo veen vraag.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.
w Schietgebed. H. Teresia, uitverkoren bruid
n- des Heeren , bid voor ons.
.1-
m 2« DAG.
in
O allermeedoogendste Heer Jesus Christus, wij
*
bedanken U voor de kostbare gave, der hoop, die Gij aan uwe welbeminde Bruid Teresia verleend hebt. Door uwe verdiensten en die uwer H. Moeder, van den H. Joseph en de H. Teresia bidden wij U in den naam van het dierbaar bloed, dat Gij tot den laatsten druppel voor onze zaligheid vergoten hebt, ons een volkomen vertrouwen op uwe goedheid te verleenen. Amen.
Mijne geliefde Beschermheilige Teresia, gij verzekert mij , dat uw Goddelijke Bruidegom u beloofd heeft, u alles te zullen geven, waarom gij Hem zoudt bidden. Ik smeek u daarom, beveel mij aan uwen Jesus, opdat Hij mij in een nieuwen mensch verandere, gelijk door uwe voorspraak reeds zoovelen veranderd zijn.
0 mijn Heer en mijn God, Gij zijt niet slechts medelijdend met onze ellende, Gij zijt ook getrouw in uwe beloften ; daarom moet Gij ons alles geven, waarom wij U in Jesus' Naam bidden, want Gij hebt dit beloofd. Geel' mij dus, ik smeek het U in den Naam van Jesus, de genade, om voortaan uwen H. Wil in alles te volbrengen, U steeds door een kinderlijk en vast vertrouwen te verheerlijken en eenmaal een zaligen dood te sterven.
H. Maagd Maria, enz. bl. 261.
H. Joseph , trouwe Beschermer, enz. bl. 261.
263
die Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den
ver- Vader, enz.
wer Schietgebed. H. Teresia , onwankelbaar in uw
esia vertrouwen , leer ons den goeden God door ons Jed, vertrouwen verheerlijken.
Hp'-
3° DAG.
ven
O allerbeminnenswaardigste Heer Jesus Christus , wij bedanken U voor de kostbare gave der gy Goddelijke liefde, die Gij uwe welbeminde Bruid 1 u Teresia verleend hebt. Wij bidden U door om uwe verdiensten en lie uwer minnende Bruid, 'jequot;quot; wil ook ons de groote, de voortrell'elijke gaat' der !en volmaakte liefde tot U verleenen. Amen.
or-
H. Teresia, Serafijnsche Maagd, geliefde Bruid its van Jesus Christus, gij, die zoo vurig verlangdet, re- dat God door alle menschen mocht gekend en heal- mind worden, verwerf toch ook voor mij een vonk je :n, van die heilige liefde, die uw hart deed branden, ik Maak, dat die liefde mij de wereld, de schepselen le, en mij zeiven doe vergeten, opdat ik in voor-en m, tegenspoed slechts bedacht zij op het volbrengen 5n van den H. Wil Gods.
te O God , die alle liefde waardig zijt, ik smeek
U met de woorden der H. Teresia ; « Beminnaar der zielen , die mij meer bemint dan ik in staat 1. ben te begrijpen , maak, dat mijne ziel U diene,
264
en wel op eene wijze , die meer uw dan mijn ter
welbehagen ten doel heeft.quot; â 0 mijn God , te gij
laat heb ik U gekend, te laat heb ik ü bemind ; dat
geef, dat ik dit verzuim door verdubbeling van Hei
ijver zooveel mogelijk herstelle. â Hart van Jesus, mi
brandend van liefde tot ons, ontvlam ons hart vei
van liefde tot U. ha
H. Maagd Maria, enz. bl. 261. mi
H. Joseph, trouwe Beschermer, enz. bl. 261. na
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den ze Vader, enz.
Schietgebed. H. Teresia, Serafijn van liefde , wi
doe onze harten branden van het vuur der God- zi(
delijke liefde. G:
m
4quot; DAG. d,
O allerzoetste Heer Jesus Christus, wij danken ^
U voor de verheven gave, die Gij uwe welbeminde n
Bruid ïeresia verleend hebt , door haar eene vv
groote begeerte naar de volmaaktheid in te boeze- c'
men, alsmede het vaste besluit om tot eene vol- 1T maakte liefde te geraken. Wij bidden U door uwe verdiensten en die uwer grootmoedige Bruid,
wil ons ook eene ware begeerte en een vast be-s.'uit verleenen , U, zooveel het in ms vermogen is, te behagen.
c
O groote heilige Teresia, ik verheug mij met u, 1 1
265
nijn terwijl ik u thans in den hemel beschouw, waar , te gij uwen God met zulk een vurige liefde bemint, nd ; dat zij uw hart, hier reeds als verslonden van van liefde, volkomen tevreden stelt. O, ik bid u, sta sus, mijne arme ziel bij, die eveneens van liefde wenscht lart verslonden te worden voor Hem, die de liefde aller harten zoozeer verdient. Bid uwen Jesus voor mij, gelijk gij dit in uw leven eens vooreen die-gt;1. naar Gods deedt : « Heer, nemen wij hem als on-
len zen vriend aan.quot;
Lieve Jesus, waarom bewijst Gij mij zoovele ie, weldaden?... O, ik begrijp U, Beminnaar der ad- zielen : Omdat Gij mij zoo innig bemint, wilt Gij, dat ook ik à vurig beminne, onverdeeld be-minne. Door uwe tallooze weldaden wilt Gij mij daartoe als 't ware dwingen. Weet dan , lieve en Jesus, dat ik niets anders verlang dan U zoo vurig de mogelijk te beminnen. Dat verlangen is weer een ne weldaad, mij dooi' U geschonken. O, maak dan, e- dat ik het ten uitvoer brenge, om U, Welbeminde
)1_ mijner ziel , te behagen.
or H. Maagd Maria, enz. bl. 261.
(j H. Joseph, trouwe Beschermer, enz. bl. 261.
e- Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den
,n Vader, enz.
Schietgebed. Grootmoedige H. Teresia, maak, dat ik steeds doe , wat ik kan , om aan God te
i, behagen.
266
5quot; DAG. delij
hebl
O allerbeste Heer Jesus Christus, wij bedanken en \
U voor de verheven gave van ootmoedigheid, die Gee!
Gij uwe welbeminde Bruid Teresia verleend navt
hebt Wij bidden U door uwe verdiensten en van
die uwer zeer ootmoedige Bruid, ook ons de ge- H
nade te verleenen van eene ware ootmoedigheid, F
die ons altijd ons geluk in de vernederingen doet (
vinden , en ons de verachting boven de eer doet Vac
verkiezen. £
mij
O mijne H. Voorspreekster Teresia , die dooi1 uwe diepe ootmoedigheid den goeden God zoozeer behaagd hebt, ik bid u hij uwe groote nederigheid en bij de liefde , die gij uwen Jesus , zijne lt; fl. Moeder en zijn H. Voedstervader hebt toege- da dragen , verkrijg ook voor mij eene oprechte ne- tot derigheid. Maak , dat ik mij naar uw voorbeeld ha steeds beijvere aan mijn vernederden Zalig- Gi maker gelijkvormig te worden, alle moeilijkheden he met geduld aan te nemen , hen , die mij lastig di vallen, nog grooter liefde te bewijzen , alzoo mijn bi Jesus te behagen en eens in uwe glorie in den li; hemel te deelen, st
En Gij, allerootmoedigste Jesus, die om mij de ootmoedigheid te leeren U zoo onbegrijpelijk
diep hebt laten vernederen, ik bid U, heb me- g
267
(lelijden met mij. Ik erken de hel verdiend te hebben, en nochtans durf ik mij verhoovaardigen en word ik ongeduldig, als ik iets te lijden heb. Geef toch, dat ik mij betere en uwe voorbeelden navolge. O .lesus, zachtmoedig en ootmoedig van Harte, maak mijn hart gelijk aan het uwe.
H. Maagd Maria, enz. bl. 261.
H. Joseph, trouwe Beschermer, enz. bl. 261.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.
Schietgobed. Ootmoedige 11. Teresia, verwerf mij de zoo noodzakelijke deugd van nederigheid..*
6« DAG.
O edelmoedigste Heer Jesus Christus , wij bedanken U voor de gave der liefdevolle godsvrucht tot uwe allerminzaamste Moeder Maria en tot haren zuiveren Bruidegom , den H.Joseph, welke Gij uwe welbeminde Bruid Teresia verleend hebt. Wij bidden U door uwe verdiensten en die uwer zeer lieve Bruid , verleen ook ons eene bijzonder teedere godsvrucht tot uwe allerheiligste Moeder Maria en uw geliefden Voedstervader, den H. Joseph.
H. Teresia, het verheugt mij grootelijks, dat gij de allerheiligste Maagd Maria en den goeden
ft
268
H. Joseph zoozeer vereerd en bemind hebt. Ook daarin hebt gij het voorbeeld van uw Goddelijken Bruidegom zoo getrouw mogelijk nagevolgd. Door Maria en Joseph zoo godvruchtig te vereeren en op hen zulk een onbegrensd vertrouwen te stellen, hebt gij het Hart van uwen Jesus als 't ware geroofd; Hij toch verlangt zoo vurig, die twee heilige personen , die Hem hier het dierbaarst waren , door alle menschen bemind en geëerd te zien. Ik bid U , H. Teresia , om deze uwe liefde, verkrijg ook voor mij eene altijd grootere gods-frucht tot de H. Maagd en haren zuiveren Bruidegom. Dan toch is mijn geluk voor hier en hiernamaals verzekerd.
Liefdevolle Jesus, die in uwe teedere bezorgdheid voor het heil der menschen, Maria aan ons allen tot Moeder hebt gegeven, maak, dat wij ons steeds hare ware kinderen toonen. Geef ons ook, ik smeek het U , eene groote godsvrucht tot den H. Joseph. Deze genade, o Jesus, kunt Gij ons immers niet weigeren ?
H. Maagd Maria, enz. bl. 2GJ.
H. Joseph , trouwe Beschermer , enz. bl. 261.
Schietgebed. H. Teresia , vurige dienares van Maria en Joseph, doe ons deelen in deze allerheilzaamste godsvrucht.
'269
'
0ok 7e DAG.
lijken
Door Liefderijke Heer Jesus Christus, wij danken sn en u voor de uitgelezen liefdewonde , waarmede Gij n te het hart uwer welbeminde Bruid Teresia door-ware wond hebt. Wij bidden U door uwe verdien-twee sten en (joor dje UWer van liefde ontstoken Bruid, aarst wii ons 00k eene gelijke liefde verleenen , waar-rd te joor wij voortaan niets anders beminnen dan U, efde, en 0p niejg anders bedacht zijn, dan U op alleen. :ods-
irui- O Serafijnsche H. Teresia, die uwen Godde-en lijken Bruidegom zoo vurig hebt bemind, door zijn vuur zoozeer ontstoken en door zijne liefde zoo diep gewond zijt, bid Hem voor mij , opdat ons ook ik verwond en voor God verslonden worde , W1j en van nu af slechts van heilige liefde tot Hem )0k, ontbrande , die alleen onze liefde verdient. Leer tot mij , o groote Heilige, ter liefde van Hem al het unt aardsche te vergeten, om alleen mijnen Schepper te beminnen en zijnen H. Wil in alles te volbrengen.
⢠En Gij, mijn Goddelijke Zaligmaker, dierbare
311 Jesus, wijl Gij door mij bemind wilt worden, ?ii- zoo bid ik U, trek mijn hart nu toch eens voorgoed tot U. Maak , dat het voortaan slechts U, mijn God en mijn al, beminne, want daarvoor hebt Gij het geschapen. Leer mij de goederen
270
der aarde houden voor hetgeen zij zijn, nl. broos en verachtelijk. Al te lang is mijn hart aan de schepselen gehecht geweest; doe het van nu af voor U alleen leven. Mijn Jesus, ach, kom toch in mijn hart, en verteer en verdelg daarin, door uw heilig liefdevuur, alle begeerten, alle zorgen , alle neigingen, die niet U ten doel hebben.
H. Maagd Maria, enz. hl. 261.
II. Joseph, trouwe Beschermer, enz. hl. 261.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.
Schietgebed. H. Teresia, wier hart van liefde tot Jesus doorwond werd, maak , dat ons hart van liefde tot Hem brande.
8e DAG.
Wij danken U, beminnelijke Heer Jesus Christus , voor de gaaf van een groot verlangen naar den dood, die Gij uwe getrouwe Bruid Teresia verleend hebt. Wij bidden U om uwe verdiensten en die uwer groote dienares, verleen ook ons een groot verlangen naar den dood; opdat wij U in het vaderland der gelukzaligen gedurende de gansche eeuwigheid mogen bezitten.
Mijne heilige Voorspreekster Teresia, ik verheug mij met u, dat gij reeds in de veilige haven zijt aangeland en het doel van uw verlangen be-
^-
271
, nl. reikt hebt, waar gij het geloof niet meer behoeft, hart wijl gij de Goddelijke Schoonheid zelve aanschouwt; ; van waar gij niet meer behoeft te hopen , omdat gij kom het hoogste Goed reeds bezit. Gij geniet thans arin, uwen God, dien gij hier reeds zoo vurig bemindet i zor- en naar wiens bezit gij zoo verlangend waart. )ben. Uwe liefde is thans verzadigd en uw minnend hart is geheel voldaan. O dierbare Heilige, heb !61. medelijden met mij , die mij nog te midden dei-den stormen bevind. Bid voor mij , opdat ik mijne ziel redde en er toe gerake, met u vereenigd , efde uwen God te beminnen, dien gij zoozeer verlangt hart bemind te zien.
Mijn Jesus, mijne liefde, die mij geschapen hebt, opdat ik U in eeuwigheid beminne ; die mij het eerst bemind hebt en niets vuriger ver-iris- langt, dan mij gelukkig te maken en mijne liefde laar 'e winnen, ach, ik bid U, maak, dat ik U vurig esja beminne. Ik had verdiend, U niet meer te kun-ien- nen beminnen. Tot elke andere straf ben ik ons bereid, tot deze alleen niet. Geef mij altijd meer j U liefde en laat mij zalig sterven, om met U ver-de eenigd te zijn en niet meer in gevaar te verkeeren, van U gescheiden te worden.
H. Maagd Maria , enz. bl. 261. er- H. Joseph, trouwe Beschermer, enz. bl. 261.
â¢en Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den
Je- Vader, enz.
.
272
Schietgebed. H. Teresia, die van verlangen branddet om onafscheidelijk met God vereenigd te worden, vraag uwen Jesus ook voor mij dit verlangen.
9e DAG.
Wij danken U, geliefde Heer Jesus Christus, voor de laatste groote genade van eenen kostbaren dood, die Gij uwe welbeminde Bruid Teresia verleend hebt, daar Gij haar den dood der liefde deedt sterven. Wij bidden U om uwe verdiensten en die uwer innig geliefde Bruid, wil ons ook eenen zaligen dood verleenen, en indien wij ook al niet van liefde sterven, zoo laat ons ten minste sterven met een hart vol liefde tot U; opdat wij door zulk een dood in den hemel mogen komen, waar wij U met eene volmaaktere liefde in eeuwigheid zullen beminnen.
O heilige Teresia, thans is uw gezucht verhoord , uw verlangen vervuld , uwe liefde ten volle bevredigd. In dit dierbare vaderland behoeft gij niet meer om het einde van uw leven te bidden, want gij zijt thans in 't bezit van het ware leven, dat al de wenschen uws harten volkomen verzadigt, en zulks voor eeuwig. Ik verheug mij daarover met u en dank God , die u met zulke groote glorie in zijn rijk gekroond heeft.
273
T
Maar ik bid u medelijden te hebben met ons, die nog in dil tranendal omdolen, overal omringd door gevaren van onzen God te verliezen. Bid Hem toch, dat wij aan al die gevaren ontkomen en eenmaal met u in den hemel vereenigd mogen worden.
Liefderijke Jesus, ik ben een ondankbaar schepsel en verdien geene genade. Toch wil ik niet wanhopen , maar al mijn vertrouwen stellen op U, die, ondanks mijne onwaardigheid, zoo vurig verlangt, mij gelukkig te maken. Doe mij van heden af aan al uwe liefderijke inzichten beantwoorden. Vervul mijn hart met verachting voor de wereld en met liefde tot U. Geef, dat ik zóó vurig naar den hemel verlange, dat ik met den H. Ignatius kan zeggen : « O , hoe verachtelijk schijnt mij de aarde, als ik den hemel aanschouw.quot;
H. Maagd Maria , enz. bl. 261.
H. Joseph, trouwe Beschermer, enz. bl. 261.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.
Schictgabed. H. Teresia, van liefde gestorven, verwerf mij de genade, steeds Gods H. Wil te volbrengen, in zijne liefde te leven en een zaligen dood te sterven.
N. 18
SS.
Noveen ter eere van den Zaligen Gerardus Majella.
{Zij begint den T116'1 October.)
le DAG.
O God , zie op tot mijne hulp.
Heer, haast U om mij te heipen.
Onschuldige Jeugd.
« Alom kent men de groote liefde, welke Ge-rardus Majella, van zijne prilste jeugd, voor God en de allerheiligste Maagd aan den dag legde zoo schreef voor eenige jaren de Aartsbisschop van Ghiete. En verder heet het: « Onmogelijk kan men die liefde in twijfel trekken, wanneer men zich de liefkoozingen te binnen brengt, welke hij reeds in zijne kindsheid van het Kindje Jesus ontving.quot; â Wel moest zijne jeugd onschuldig, ja, heilig zijn, om op zoo buitengewone wijze door den Hemel begunstigd te worden. Meermalen ging Gerardus, pas 5 jaar oud, naar eene eenzame kapel van O. L. Vrouw. En nau-
welijks was hij dan voor het beeld der H. Moeder Gods neergeknield , of het Goddelijk Kindje verliet de armen zijner Moeder, naderde, met een zoeten glimlach op de lippen , den kleinen Ge-rardus, en begon vertrouwelijk met hem te spelen. Als dit verrukkelijk en hemelsch spel geëindigd was, gaf het Kindje Jesus, alvorens Zich te verwijderen, zijn vriendje een buitengewoon schoon broodje mede naar huis. â Inderdaad de kleine Gerardus was een kind van zegening. Maar ook hoe waakzaam en oplettend was hij toen reeds om alles te vermijden, wat den goeden God maar eenigszins kon mishagen !
Heb ik mij in dit opzicht niets te verwijten ?
Zegen, o Heer, het vaste besluit, om althans nooit wetens en willens iets te doen, wat met uwe wet in strijd is.
GEBED.
O Zalige Gerardus, uw voorbeeld maakt mij beschaamd. Gij , die zoozeer tot alle goed geneigd en als van nature tot de deugd getrokken werd , waart nochtans zoo waakzaam en bezorgd om alles te vermijden, wat uwe deugd in gevaar had kunnen brengen ; en ik , die zoozeer tot bet kwade geneigd ben, en mij reeds zoo dikwijls door mijne hartstochten liet misleiden, ik ben menigmaal zoo onvoorzichtig, alsof ik niets te vreezen
'276
had. Verkrijg mij de genade, van voortaan naar uw voorbeeld waakzaam te zijn op mijne zintuigen en op de ongeregelde genegenheden van mijn hart, om alles te vermijden, waardoor ik den goeden God zou kunnen bedroeven. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.
Bid voor ons, Zalige Gerardus Majella ,
Opdat wij waardig worden der beloften van Christus.
2« DAG.
O God , zie op , enz.
IJver voor het Gebed.
Reeds als kind kende Gerardus geen grooter genoegen dan zich in het gebed met God , de H. Maagd , de Heiligen en Engelen , vooral den H. Michaël, te onderhouden. « Mijn zoon,quot; zoo verklaarde later zijne godvruchtige moeder, « vond slechts genoegen in de kerk, om daar op zijne knieën vóór het H. Sacrament te bidden. Hij verbleef er zóó lang, dat hij het etensuur vergat. Tehuis, hoe klein hij dan ook was, deed hij niets dan bidden.quot; En dat hij later in zijn ijvei voor het gebed niet verllauwde, getuigen o. a. de woorden, die hij schreef, toen hy, als kloos-
277
terhng, zijn zielbestierder de geheimen zijns harten openbaarde ;
«Mijn God, ik heb de meening, U zooveel akten van liefde aan te bieden , als ooit gedaan zijn door de allerheiligste Maagd en alle Gelukzaligen , alsmede door alle geloovigen der aarde. Ik zou wenschen U zoo te beminnen , als Jesus Christus U bemint en zooals Hij de uitverkorenen liefheeft. Bij iederen zucht mijns harten zou ik deze akten willen vernieuwen. Deze verzuchtingen draag ik tevens op aan mijne Moeder Maria.quot;
Bid ik ook gaarne, veel en goed ? Doe ik dikwijls door den dag een vurig schietgebed ?
GEBED.
Zalige Gerardus, vurige beminnaar van het gebed , die het gebod van onzen Goddelijken Zaligmaker : « Men moet altijd biddenquot;, letterlijk hebt opgevolgd; voor wien daarenboven elke bezigheid een vurig gebed was, omdat gij alles deedt om aan God te behagen, verkrijg voor mij den geest des gebeds. Maak, dat ik gaarne, veel en goed bidde. Geef, dat ik meer en meer doordrongen worde van de noodzakelijkheid des gebeds , om in de liefde Gods te volharden , in deugden toe te nemen en eenmaal zalig te sterven. Amen.
'278
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den B
Vader, enz. arm
Bid voor ons , Z. Gerardus, enz. ven
daa
3* DAG.
O God , zie op, enz.
5
Liefde tot den naaste.
' VOO
Gaarne voegde hel engelreine kind zich Lij vin
zijne jeugdige makkers, wanneer dezen zich naar ik
zijne liefde voor alles, wat godvruchtig was, en
wilden schikken. Zoo ijverde hij toen reeds, om lev
anderen deugdzamer en daardoor waarlijk geluk- u
kiger te maken. Al vroegtijdig bespeurde men nu
in Gerardus de kiemen van dat medelijden met ze
de armen , dat later wonderen zou wrochten , gr
en den eersten gloed van dien ijver, welke zoo- en
vele zielen aan de hel zou ontrukken. Ofschoon m
zelf arm , gaf hij toch zoo gaarne eene aalmoes, fis en het brood, dat zijne moeder hem schonk,
deelde hij met blijdschap onder andere kinderen V
uit. En wie zal beschrijven , wat al verstervingen en vreeselijke boefplegingen hij zich in latere jaren heeft opgelegd, om de ongelukkigsten ouder de ongelukkigen , de zondaars namelijk, uit hun rampzaligen toestand te verlossenInderdaad Gerardus hielp edelmoedig, waar hij slechts helpen kon.
279
den Betuig' ik ook door daden mijn medelijden met
armen en ongelukkigen ? IJver ik naar best vermogen voor de zaligheid der ongelukkige zondaars ?
GEBED.
Zalige Gerardus, wiens hart van medelijden voor hulpbehoevenden vervuld was, en die zoo bij vindingrijk waart om ongelukkigen bij te staan, lar ik bid u, kom mij te hulp. Ik ben behoeftig is, en arm naar de ziel. Was ik zóó gedurende uw im leven uwe hulp komen afsmeeken , dan hadt gij k- u zeker over mij erbarmd. En gij zoudt mij nu sn niet helpen ? Uw medelijden is in den hemel et zeker niet verminderd , en uw vermogen onbe-
i, grijpelijk veel vermeerderd. Gij wilt en kunt,
0- en zult mij dus ongetwijfeld helpen. Vraag voor m mij eene werkdadige naastenliefde en verder die i, deugden, welke mij het meest noodig zijn. Amen. ;, Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den n Vader, enz.
1- Bid voor ons, Z. Gerardus , enz.
r 4« DAG.
11 O God , zie op , enz.
i
Geduld in het lijden.
Gerardus was nog zeer jong, toen God hem
i
280
reeds de waarde van kruis en lijden deed kennen ; en weldra wenschte hij vurig voor en met zijn Goddelijken Meester te mogen lijden. De Zaligmaker vond behagen in dat heilig verlangen en bevorderde het streven van den knaap. om zooveel mogelijk aan zijn Goddelijk Toonbeeld gelijkvormig te worden.
Gerardus was nog pas 12 jaar oud , toen zijn vader stierf. De niet bemiddelde moeder deed den knaap bij een kleermaker in de leer. Gerardus had daar geen den minsten smaak in, maar bij gehoorzaamde gewillig aan haar, in wier verlangen hij Gods Wil erkende en aanbad. Als kleermakersleerling nu had hij zeer veel te lijden van een wreeden meesterknecht, die in de godsvrucht van den overigens zeer onderdanigen knaap telkens gelegenheid zocht, om zijne woede op zijn geduldig slachtoffer bot te vieren. Gerardus verdroeg alles met het grootste geduld en zelfs met vreugde. Wat meer is, hij zocht de gelegenheden om te lijden gretig op. Onbarmhartig pijnigde hij zich zeiven , en wenschte , metterdaad door anderen gepijnigd te worden. En zulks zijn geheele leven lang !
Verdraag ik ten minste met geduld wat God mij te lijden overzendt, hetzij rechtstreeks, hetzij door mijne medemenschen ? Het geringste lijden, goed verduurd, maakt ons meer gelijkvormig aan
281
Jesus en verrijkt ons met, verdiensten voor het eeuwig- leven.
GEBED.
Gelukzalige Gerardus, die van uwe prilste Jeugd met de uitgelezenste gunsten des Hemels werdt overladen , en die aan al de inzicliten des Heeren zoo edelmoedig hebt beantwoord , gewaar-dig u , met medelijden op mij neer te zien. Zoo vroegtijdig hebt gij het geheim des kruises begrepen en het lijden en de vernedering nagejaagd als een gierigaard de schatten. En ik ben zoo atkeerig van al wat lijden beet. Bid voor mij , dat ook ik moge inzien , welke zegen er in het kruis ligt opgesloten. Verwerf mij de genade van alle kwellingen, die mij overkomen, zóó te dragen, dat ik aan de bedoeling des Heeren, die ze tot mijn heil overzendt, volkomen beantwoorde. Am.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.
Bid voor ons, Z. Gerardus , enz.
5e ÃAG.
O God , zie op, enz.
lioeping tot de Congregatie des Allerheilig-sten Verlossers,
Al leefde Gerardus nu ook nog zoo boetvaardig, toch was hij niet geheel en al tevreden.
282
Hij voelde zich niet op zijn plaats in de wereld, en vurig verlangde hij haar te verlaten. Zijn G( ijver voor de volmaaktheid deed hem van een om volkomen hemelsch leven droomen. Hij meldde gero zich bij de Capucijnen aan , maar werd om zijn zijt jeugdigen leeftijd en zwakke gezondheid afgewe- gew zen. Eindelijk meende hij Gods Wil te volbren- keu: gen en het geluk te vinden , zoo hij kluizenaar dat werd, en werkelijk zonderde hij zich op een hen berg af en leidde er een leven van boetvaardig- leve heid in den vollen zins des woords. Dan, weldra te s deed God hem verstaan , dat hij niet tot deze aan levenswijze geroepen was. â Als altijd gehoor- onz zaam, zag Gerardus van zijn plan, om aldaar zijne ede dagen te slijten, onmiddellijk al', bad. zoomogelijk, aan met nog grooteren aandrang, om in dit aller- (
gewichtigste punt Gods Wil te kennen, en bleef Va( hopen. En God verhoorde zijn ijvervollen die- ]
naar door hem tot de Congregatie des Allerheiligsten Verlossers te roepen. In de hoedanigheid van leekebroeder hoopte hij hier door « veel lij- (
den en groote gestrengheidquot; een heilige te worden.
En hij heeft zijn doel bereikt.
Wend ik de behoorlijke middelen aan om tot dien levensstaat te komen, waartoe God mij roept ? Of indien ik zoo gelukkig ben daar te zijn, waar O. L. Heer mij hebben wil, tracht ik dan mijn he staat zóó te beleven, als God het verlangt ? on
283
l'eld, GE13ED.
ZiJn Gelukzalige Gerardus, veel heeft het u gekost
een om den levensstaat te kennen, waartoe God u
lilde geroepen had. Door uwen onvermoeiden ijver
zlJn zijt gij ook in dit opzicht een leerrijk voorbeeld
we- gewoi'den voor allen, die nog eene zoo gewichtige
ren- keuze moeten doen; en tevens houd ik mij overtuigd,
laar dat O. L. Heer u de gunst verleend heelt , om
een hen, die zich bij de keuze van een zaligen levensstaat tot u wenden, op bijzondere wijze bij
(iia te staan. Ik bid u, help mij en allen, die daar-
leze aan behoefte hebben , om altijd Gods H. Wil te
,orquot; onzen opzichte te kennen en verkrijg ons de
üne edelmoedigheid , ons altijd en in alles naar dien
'JKj aanbiddelijken Wil te schikken. Amen.
Ier- Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den
'eef Vader, enz.
''equot; Bid voor ons, Z. Gerardus, enz.
lei-
eid 6e DAG.
'Ã- O God , zie op , enz.
en.
Gehoorzaamheid.
tot In welke omstandigheid Gerardus ook verkeerde,
it ? overal en altijd gaf hij de treffendste blijken van
lar gehoorzaamheid. Hij scheen geen eigen wil te
ijn hebben, of liever hij maakte den wil van hen, onder wier gezag hij stond, tot den zijnen en
'284
week daarvan geen haarbreed af, wat offer hem dit niet zelden kostte.
Gerardus had het geheim ontdekt, dat de gehoorzaamheid niet slechts veel gemakkelijker, maar tevens veel verdienstelijker maakt. Hij beschouwde nl. allen, die over hem gesteld waren, als de vertegenwoordigers van God , en hun verlangen als Gods aanbiddelijken Wil. â Om zijne liefde voor de gehoorzaamheid te beloonen , deed O. L. Heer tal van verbazende wonderen ; zoodat zijne oversten het slechts behoefden te willen om den gehoorzamen Gerardus, hoe ver ook verwijderd, oogenblikkelijk te zien heensnellen, waar een stille wensch zijns oversten hem riep.
Zie ik in mijne ouders en oversten ook Gods vertegenwoordigers en volbreng ik bereidwillig, vaardig en stipt hunne bevelen ?
Ã
Gelukzalige Gerardus, ook met betrekking tot de gehoorzaamheid geeft gij mij de heerlijkste voorbeelden. O, had ik die tot hiertoe beter nagevolgd ! Hoe dikwijls toch , als men mij iets gebood , wat met mijne neigingen in strijd was , loonde ik mij wederspannig! Hoe menigmaal volbracht ik eene taak, die mij lastig viel, maar als ten halve en ter loops ! Wat een schat van verdiensten heb ik daardoor verloren ! Leer mij.
285
ik bid en smeek het u, uw geheim in zake der gehoorzaamheid goed kennen en in oefening brengen , om zoodoende de gehoorzaamheid van den Zoon Gods te eeren, mij met verdiensten te verrijken en steeds welgemoed te kunnen zeggen : « Vader, niet mijn , maar uw Wil geschiede.quot; Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader , enz.
Bid voor ons, Z. Gerardus, enz.
7e DAG.
O God, zie op, enz
Ootmoed.
« Onder alle wonderen,quot; zegt de H. Bernardus, « is dit zeker het grootste, dat men te midden der èerbewijzingen nederig blijft.quot; Gedurende geheel zijn levensloop heeft Gerardus zich aangezien als den ellendigste der menschen en ging hem niets zoozeer ter harte als zich zeiven te vernederen. Zichtbaar evenwel werd deze deugd in Gerardus' ziel volmaakter, naarmate hij het einde zijner aardsche loopbaan naderde. Veel kostbaarder was hem dan ook deze genade, dan alle buitengewone gaven , waarmede hij begunstigd werd. Hoezeer hij ook voor God en voor de menschen door de gave der mirakelen ver-
T
i
286
heerlijkt werd , nooit verried hij het minste zelfbehagen , nooit verleende zijne ziel toegang aan de ijdelheid. Het verwonderde hem , dat een mensch zich kon verhoovaardigen , daar hij van zich zelf niets dan bederf en zonde heeft.â Een schaduw zelfs van voorkeur en achting deed hem de vlucht nemen en zich verbergen. In zijne oprechte nederigheid benijdde hij het lot der armen , welke door de verachting der wereld meer gelijkvormigheid met Jesus Christus hebben.
Hecht ik mij niet aan eer en achting der men-schen ? Ben ik diep overtuigd van mijne ellende, onmacht en onwaardigheid ? Wil ik ook door anderen behandeld worden als iemand, die slechts straf en schande verdient ?
GEBED.
Zalige Gerardus, gij waart inderdaad een wonder van nederigheid. Te midden van de eer en achting der inenschen en niettegenstaande de verbazende gunsten, waarmede u de Hemel overlaadde , beschouwdet gij u zeiven tot alle goed onbekwaam en alle verachting waardig. En ik , die reeds zoo dikwijls mijnen God heb beleedigd, die bij elke gelegenheid mijne zwakheid en onstandvastigheid ondervind, ik durf mij verhoovaardigen. Ik eigen mij de eer toe, die mijne medemenschen mij bewijzen, en die U alleen
287
toekomt. Ik ben er steeds op uit om het weinige iroed, dat ik doe, ter algemeene kennis te brengen. â¢â Ach, bid voor mij, ootmoedige Gerardus, opdat God Zich over mij erbarme en mij de genade verleene van eene diepe ootmoedigheid, om te kunnen behagen aan Hem, die Zich voor ons zoo mateloos diep vernederd heeft. Amen.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.
Bid voor ons , Z. Gerardus , enz.
8S DAG.
O God , zie op , enz.
Gerardus' godsvrucht tof het Allerh. Sacrament en tot de II. Maagd.
Gerardus was nog een kind, toen hij reeds van liefde gloeide voor het Allerheiligste Sacrament. Menigmaal wekte hij zijne makkertjes en ook wel eens zijne moeder en zusters op, om met hem Jesus te gaan aanbidden. « Komtzoo zeide hij dan, « komt mee naar Jesus, onzen Gevangene !quot; Schier al den tijd, waarover hij beschikken kon, bracht hij aan den voet des altaars door. Wanneer hij sprak van onzen Goddelijken Verlosser, van zijn heilig lijden of van het H. Sacrament, dan scheen hij in vervoering te zijn. â In één woord : Jesus, in zijn H. Sacrament, was zijn leven.
i
'288
Spreken wij ook nog met een enkel woord over zijne godsvrucht tot de allerheiligste Maagd. Een zijner vrienden, dokter Santarelli, vroeg hem op zekeren dag om zich te stichten, of hij Maria beminde. Waarop Gerardus antwoordde : « Dokter, gij doet mij pijn ! Welk eene vraag !quot; En ijlings snelde hij heen, om de liefdevlam, die hem verslond , te verbergen. Inderdaad, hij beminde Maria zooveel hij slechts kon, en wenschte Haar altijd meer te beminnen en te vereeren, en gaarne zou hij alle menschen voor deze allerheilzaamste godsvrucht gewonnen hebben.
Toon ik ook steeds eene groote godsvrucht tot het Allerh. Sacrament ? Bemin ik ook vurig de H. Maagd, en neem ik in alle moeilijkheden ver-trouwvol tot Haar mijne toevlucht ?
GEBED.
Gelukzalige Gerardus, gij hebt tijdens uw sterfelijk leven voortdurend geijverd, om , ware het mogelijk, alle menschen voor uwe godsvrucht tot het Allerheiligste Sacrament des Altaars en tot de H. Maagd te winnen. Ik wend mij daarom thans met een groot vertrouwen tot u, en smeek u vuriglijk mij van God de genade te verwerven, dat ik althans van verre uw heerlijk voorbeeld moge navolgen; dat ik mij steeds met den grootst mogelijken eerbied in de tegenwoordigheid van Jesus, in zijn
289
n
)ver H. Sacrament, gedragen en FJem dikwijls in een Een goed voorbereid hart in de H. Communie ont-iem vangen moge.
ma Verkrijg mij ook eene vurige en degelijke gods-
'ok- vrucht tot de allerheiligste Maagd. Zeg aan die En goede Moeder, dat ik mijn best wil doen om hare die verheven deugden na te volgen; dat ik op Haar al mijn vertrouwen wil stellen en in leven ht® en dood hare moederlijke bescherming hoop te 311 gt; ondervinden. Amen.
erquot; Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den
Vader, enz.
tot Bid voor ons , Z. Gerardus, enz.
de
er- 915 DAG.
O God , zie op , enz.
Gerardus' Dood en Verheerlijking.
er- Gerardus, die het leven van een Heilige geleid
let had, moest wel een heiligen en allerkostbaarsten dood sterven. Zijn gansche leven had hij getracht
de Jesus na te volgen ; zijn dood zou hem nog gelijk-
ns vormiger maken aan zijn Goddelijken Bruidegom,
'u- «Ik lijd ,quot; zeide hij eens op het laatst van zijn
lat leven, «ik lijd kier een wezenlijk vagevuur;
iaquot; maar ik troost mij, dat ik in dezen staat aan
en Jesus Christus behaag.quot;
jn N. 19
4
29Ã
De Zaligmaker stierf in de grootste verlatenheid, en Hij verhoorde het gebed van zijn groot- ik moedigen dienaar om «alleen'en beroofd van alle mt menschelijke hulp te sterven.quot; an
Zeer kort. na zijn dood verscheen de zalige schit- he terend van glorie aan een godvreezend persoon en de zeide : «O, hoe rijkelijk beloont God het geringe mt lijden , dat men op aarde voor Hem verduurt 1quot; Gc Sinds dat tijdstip heeft de goede God niet opge- ed houden zijn nederigen dienaar door ontelbare zij mirakelen te verheerlijken. Den 8sten September te 1892 werd de eerbiedwaardige Gerardus Majella te zalig verklaard ; en de vele wonderen , die nog voortdurend op zijne aanroeping geschieden , be- V; wijzen nog eens te meer de waarheid der godspraak : « Wie zich vernedert, zal verheven worden ,quot; en wettigen de hoop, dat de aarde hem eerlang de grootste eer zal bewijzen , die zij bewijzen kan : de eer der heiligverklaring!
Ik wensch een zaligen dood te sterven. Geeft mijne wijze van leven recht op die hoop ?
GEBED.
Heb dank, goede God , voor al de gunsten en genaden, aan uwen trouwen dienaar Gerardus bewezen, en voor de verheerlijking hem geschonken.
291
En u , roem rij ke Zalige Gerardus , u wensch ik van harte geluk met de getrouwheid, waarmede gij aan de inzichten des Heeren hebt beantwoord, en met de glorie, welke deze getrouwheid u verworven heeft. Ik bid u , verkrijg mij de genaden, die ik het meest noodig heb, alsmede die van ook trouw mede te werken met Gods inzichten over mij , en aan zijne genaden edelmoedig te beantwoorden, opdat ik aldus steeds zijne eer bevordere, verdiene een zaligen dood te sterven en eenmaal in uwe glorie in den hemel te deelen.
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader, enz.
Bid voor ons, Z. Gerardus , enz.
S3.
Noveen ter voorbereiding voor het Aller-heiligen-feest.
(Zij begint den 23stel1 October.)
ie DAG.
De Mil. Engelen.
â En al de Engelen stonden rondom den troon . . . en zij vielen voor den troon op hunne aangezichten en aanbaden God , zeggende : â Amen 1 De lof en de heerlijkheid en de wijsheid en de dankzegging , de eer en de macht en de sterkte komt onzen God toe in alle eeuwigheid Amen.quot;
(Openb. Joh. 7 11, 12.)
Heilige, sterke God, Koning van hernel en aarde, voor wiens troon de sr.haren der Engelen in zalige bewondering aanbiddend liggen neergeworpen , wij loven en prijzen U en zeggen U dank met alle krachten onzer ziel, dal Gij de HH. Engelen zoo heerlijk geschapen , met zulke Yoort.refl'elijke eigenschappen en schoonheid versierd en na hun proeftijd voor eeuwig in uwe genade bevestigd hebt. Wij danken U, dat Gij in uwe liefde voor de menschen, aan uwe Engelen bevolen hebt, ons steeds te bewaren en bij
293
te slaan. Met hen vereenigd, roepen wij U jubelend toe; « Heilig, heilig, heilig. Heer God der heerscharen ; hemel en aarde zijn vol van uwe glorie ! Glorie zij den Vader , en den Zoon, en den H. Geest.quot;
Lof en eer zij ook u, roemrijke Hemelvorsten, die den goeden strijd gestreden, in uwe trouw aan den Allerhoogste volhard hebt , in de zalige aanschouwing Gods, en vol blijdschap over uwe afhankelijkheid van den almachtigen en algoeden Opperheer van hemel en aarde, Hem onophoudelijk dieut met vreugdevol gejubel en dankbare liefde! â Met wat diepen eerbied en vurige godsvrucht werpt gij u, o HH. Engelen, voor
â kte Gods aanschijn neder ! Met wat gloeiende liefde
!U-quot; aanschouwt gij zijne eeuwige schoonheid ; hoe zijt gij met heiligen ijver steeds oplettend op zijnen
en aanbiddelijken Wil , om dien met de grootste
len vreugde terstond te volbrengen! Met wat. teedere
je- bezorgdheid staal gij den mensch, wiens bewaring
U de goede God u heeft toevertrouwd , ter zijde !
de Met hoeveel geduld verdraagt gij zijne veronacht-
Ike zaming uwer heilige inspraken! En hoezeer ver-
sr- heugt gij u , â naar het woord van Jesus zei-
we ven â⢠als een zondaar den weg des verderfs
]lij verlaat en rechtzinnig tot God wederkeert!
re- O HH. Engelen, die de banier der nederig-
bij heid verheffende , over Lucifer en zijn aanhang
294
hebt gezegepraald en nu staat voor het aanschijn des Allerhoogsten, weest onze voorsprekers bij Hem en onze beschermers en verdedigers tegen de machten der duisternis. Helpt ons, opdat wij, uw voorbeeld volgende, den duivel en de wereld, door de beoefening der ware nederigheid , overwinnen, uwe inspraken trouw opvolgen, in heilige vreeze voor God wandelen , zijn lolquot; ijverig verkondigen en ons in leven en sterven met vreugde aan zijn H. Wil onderwerpen.
O Maria, Koningin der Engelen, bid voor ons.
H. Joseph , bid voor ons.
I5idt voor ons, alle koren der zalige geesten, opdat, naar Jesus' wensch, de Wil Gods «geschiede op de aarde als in den hemelquot;, en smeekt den Heer , ons , indien het ons zalig is , de bijzondere genade .... te verleenen, waarom wij Hem ootmoedig bidden. Amen.
Alle Engelen en Heiligen , bidt voor ons.
OEFENING. Ons vandaatr op bijzondere wijze toeleggen op het stipt volbrengen van Gods H. Wil.
2e DAG.
De HU, Patriarchen,
â Op U , o Heer, hebben onze vaderen gehoopt ; zij hebben gehoopt, en Gij hebt hen verlost.quot; Ps. 21. 5.
God heeft de HH. Patriarchen uitgekozen om door hen het ware geloof en de hoop op den
beloofden Verlosser op aarde te bewaren en te verbreiden. Gelijk een vader met zijne geliefde kinderen spreekt, v.io gewaardigde Zich de goede God zoowel persoonlijk als door bemiddeling zijner HH. Engelen, op de vertrouwelijkste wijze met hen te verkeeren. Menigmaal vernieuwde Hij hun de belofte, een Verlosser te zullen zenden, en vormde hen tot de heldhaftigste deugden.
Wij loven, prijzen en danken U, Heer, getrouwe God, voor alles, wat Gij aan de HH. Patriarchen en in hen ook ons gedaan hebt; want wij zijn de gelukkige erfgenamen van hun geloof en hunne , nu reeds lang vervulde , hoop.
Lof ook u, HH. Patriarchen, die met de uitstekende genaden , u door God geschonken , zoo trouw hebt medegewerkt en ook de zwaarste beproevingen zegenrijk te boven zijl gekomen. Met een dankbaar hart prijzen wij u, dat gij in het vaste geloof aan den waren God , in de onwankelbare hoop op zijne beloften , in heiligen eenvoud en godsvrucht voor Hem gewandeld hebt en aan de vruchten der toekomstige verlossing in zoo ruime male deelachtig geworden zijt. Met u danken wij den liefdevollen Verlosser, die u spoedig na zijnen dood in het voorgeborgte der hel bezocht en als de eerstelingen der Verlossing bestemde, om aan zijnen glorierijken intocht in den hemel deel te nemen. Verheugt u en jubelt
296
in eeuwigheid, HH. Aartsvaders, dat de Heer uwe hoop zoo schitterend bekroond en « Israël,
zijnen dienstknecht, heeft opgenomen , indachtig zijner barmhartigheid, gelijk [lij beloofd had.quot;
O God, die de HH. Patriarchen om hun levendig geloof, hunne vaste hoop op de komst des Verlossers en het trouw onderhouden uwer heilige geboden in uw hemelsch rijk hebt opge- Et nomen , verleen ons genadig, dat wij naar hun heili voorbeeld, met standvastigheid en vertrouwen verb den weg uwer geboden bewandelen en eenmaal scha tot de zalige aanschouwing uwer Goddelijke cleze Majesteit mogen geraken. Door Christus , onzen â stras Heer. Amen. afcri-( O Maria, Koningin der Patriarchen, bid voor ons. hen H. Joseph , bid voor ons. nave Bidt voor ons, alle HH. Patriarchen, en ver- Jn t werft voor ons van God een levendig geloof, dal hese voor de onwetenden licht, voor de wankelenden ijoec steun , voor de zwakken kracht , voor de lauwen verk aansporing, voor de zondaars eene opwekking den tot bekeering, voor alle godvreezenden troost en won vreugde zij. Verkrijgt ons ook , bidden wij u, den de genade.. . ., waarnaar wij zoo vurig verlangen. gloe Alle Engelen en Heiligen , bidt voor ons. het OEI EN ING. Laat geen dag voorbijgaan zonder O L Heer | voor de onschatbare gave des geloofs te bedanken , en doe vandaag iets bijzonders voor de verbreiding van het ware OllGl geloot', bv. eene aalmoes of een gebed tot dit doel. l^en
297
3® DAG.
De JIJT. Profeten,
â Zing den Heer, want grootdadig heelt Hij gehandeld. â Juich en zing lof woonstede van Sion, want groot is in uw midden de Heilige van Israël.quot;
(Is. 12. 5 en 6.)
Eeuwige God, Heer der heerscharen, met alle heilige Profeten vallen wij in den geest voor uw verheven troon neder en aanbidden U i Vol blijdschap loven, prijzen en danken wij U, dat Gij deze heilige mannen door uw Goddelijk licht bestraald en een blik vergund hebt in de verborgen afgronden uwer barmhartigheid en liefde ; dat Gij hen, toegerust met heilige geestdrift en met de 1 gave der wonderen, in de wereld hebt gezonden. In uwen Naam en in uwe kracht hebben zij onbeschroomd den boozen uwe kastijdingen , den |goeden de grenzenlooze erbarming uwer liefde verkondigd; menigmaal hebben zij de belofte van den Verlosser vernieuwd en het beeld van zijn wonderbaar leven, lijden en sterven , dat zij in den geest hadden mogen zien , met van liefde ; gloeiende en van verlangen brandende harten aan het volk voorgesteld.
Lof en dank zij U daarvoor, o God, Vader van oneindige glorie, U, o 11. Geest, door wien zij gespro-!ken , en ü, o liefdevolle Verlosser, op wien zij
298
gehoopt, dien zij vol verlangen afgesmeekt en waa
met vreugde aangekondigd hebben. krij
Eere en lof ook u, HH. Profeten, die niet vur
slechts door woorden , maar ook door uw voor- J
beeld een boetvaardig en heilig leven gepredikt, O en het smartvol leven, lijden en sterven van den Messias in u zelve op treffende wijze voorafge-beeld hebt. Want al maakten uwe vermaningen en opwekkingen en uw godgevalligen wandel op velen een heilzamen indruk, zoo viel u toch bijna allen slechts haat en vervolging, spot en hoon en een gewelddadigen dood ten deel. Doch thans moogt gij in volle klaarheid en eeuwige vreugde
van aangezicht tot aangezicht Hem aanschouwen, 1
dien gij hier op aarde zoo onbeschroomd voor Hij
vorsten en volkeren verkondigd hebt. O HH. (
Profeten, bevoorrechte vrienden des Allerboogsten, wij
weest onze voorsprekers hij den driewerf heiligen hei
God. Verwerft ook voor ons het licht des H. aai
Geestes , opdat wij Christus, onzen Heer, waarlijk U
erkennen en vereeren en door Hem komen mogen Gij
tot zijnen en onzen Vader. Dan zullen wij met wa
u en alle Engelen en Heiligen den Vader, den he'
Zoon en den H. Geest loven en prijzen in alle en
eeuwigheid. tro
O Maria, Koningin der Profeten, bid voor ons. ter
H. Joseph , bid voor ons. vei
Bidt voor ons, alle HH. Profeten, opdat wij we
299
waardig worden der beloften van Christus. Verkrijgt ons ook de genade . . ., waarnaar wij zoo vurig verlangen.
Alle Engelen en Heiligen, bidt voor ons.
OEFENING. Stel u heden , vóór uw gebed , met bijzon-dereu eerbied in Gods tegenwoordigheid,
4e DAG.
IJe HU. Apostelen,
â Met eer eu heerlijkheid hebt Gij heu gekroond en hen uesteld tof heer over de werken uwer handen.quot;
(Ps. 8. 6 en 7.)
Laat ons Christus, onzen Heer, aanbidden ; Hij toch is de Koning en Meester der Apostelen.
O Heer Jesus Christus, die in uwe Goddelijke wijsheid uwe Apostelen hebt uitgekozen om door hen het licht des waren geloofs o\er de gansche aarde te verbreiden, wij aanbidden U, en danken U met hen voor de hooge waardigheid, waartoe Gij hen geroepen en voor de uitgelezen genaden, waarmede Gij hen begiftigd hebt, om hun verheven ambt tot uwe eer, en tot hun eigen heil en dat der wereld uit te oefenen. Tot den ver-trouwelijksten omgang met U toegelaten , mochten zij uwe Goddelijke leer uit uw eigen mond vernemen en ooggetuigen zijn van uwen hemelschen wandel en uwe tallooze mirakelen. Zóó voorbe-
300
reid , zijn zij geworden de boden der waarheid , het licht en het zout de aarde, het onwankelbare fondament en de hechte zuilen uwer Kerk.
Daarom lof', eer en dank U, o Koning der Apostelen , voor alles wat Gij aan deze, uwe trouwe gezanten , en door hen aan ons gedaan hebt. Door hen toch is het licht des waren ge-loofs tot ons gekomen en door hun getuigenis en hunne leer zijn wij verlicht en bevestigd in dit heilig geloof. Lof en dank daarvoor in eeuwigheid !
Doch ook u , HH. Apostelen , loven en danken wij van ganscher harte voor de bereidwilligheid, waarmede gij alles hebt verlaten , om den God-delijken Meester te volgen. Vooral danken wij u voor den ijver, waarmede gij u over de gansche aarde verspreid hebt, om de leer des heils alom te verkondigen, zonder u door moeite noch gevaren , door bedreiging, foltering noch dood te laten afschrikken. O, gedenkt thans in uwe glorie de strijdende Kerk, die ook nu zoo wreed en arglistig vervolgd wordt. Didt voor onzen H. Vader..., voor alle bisschoppen en priesters, opdat zij de hun toevertrouwde kudden in uwen geest mogen besturen; bidt voor alle ongeloovigen, dat zij den onwaardeerbaren schat des geloofs trouw bewaren eu hun leven daarnaar mogen inrichten. Bidt voor alle ongeloovigen en dwalenden, opdat zij tot de kennis der waarheid komen , den
301
schaapstal van Christus binnengaan en er weldra slechts één Herder en ééne kudde zij.
O Maria, Koningin der Apostelen, bid voor ons.
H. Joseph , bid voor ons.
Bidt voor ons, alle HH. Apostelen, opdat wij waardig worden der beloften van Christus. Bidt ook, dat wij, als het ons zalig is, de gunst verwerven .. , naar welke wij zoo vurig verlangen.
Alle Engelen en Heiligen , bidt voor ons.
OEFENING. Bidt vandaag meer bijzonder voor Z. H. den Paus en voor alle Herders der zielen.
5« DAG.
De HH. Martelaren.
âDezen zijn het, die uit de groote verdrukking zijn gekomen, en zij hebben hunne kleederen ge-wasschen en hebben ze wit gemaakt in het bloed des Lams. Daarom zijn zij voor den troon van God en dienen Hem dag en nacht in zijnen tempel , en Hij , die op den troon zit, zal over hen wonen/' (Openb. 7. 14 en 15.)
O Heer Jesus Christus, oorsprong des eeuwigen levens , één God met den Vader en den H. Geest, vol vreugde stemmen wij in met de lof- en dankliederen van het blinkende heer der Martelaren. Gij zijt het, die hen geroepen en uitverkoren hebt om ten aanschouwen van hemel en aarde eene roemrijke getuigenis van U af te leggen , door hun geloof aan U met hun bloed te
302
bezegelen. Gij hebt hen door het licht des ge-loofs uwe waarheid en heiligheid getoond , hebt hun de heldhaftige liefde ingeboezemd, waarmede zij de schromelijkste pijnen en den wreedsten dood niet slechts onverschrokken, maar zelfs met vreugde te gemoet gingen ; Gij hebt hun de standvastigheid ten einde toe verleend en hen tot de schitterendste overwinning gevoerd.
Lof, eer en dank zij U daarvoor in eeuwigheid, o Jesus, groote Overwinnaar van dood en hel ! Door uwe kracht werden zij gesterkt, door uwen dood hebben zij den dood veracht en het ware leven verworven !
Ook u, HH. Bloedgetuigen, eeren en prijzen wij. Gij hebt het woord des Heeren : « Wie Mij voor de menschen belijdt, dien zal Ik ook voor mijnen hemelschen Vader belijden ,quot; niet slechts gehoord , maar ook begrepen en er naar gehandeld. Met bewondering zien wij u, om uw geloof te bewaren , grootmoedig alles ten beste geven. Noch de verleidelijkste beloften, noch de ijselijkste folteringen konden uw moed doen wankelen. Om wille van uw heilig geloof hebt gij de teederste banden van liefde en vriendschap verbroken en u verheugd, waardig geacht te worden , om met en voor Christus goed, bloed en leven op te offeren. Door uw standvastig geloof, uwe onwankelbare hoop, uwe vurige liefde, uwe
303
diepe nederigheid hebt gij over de wereld en den duivel gezegepraald.
Roemrijke HH. Martelaren, bidt voor ons, dat wij naar uw voorbeeld altijd bereid zijn, om voor ons heilig geloof alles op te oll'eren , en dat ons leven steeds volgens de voorschriften van het geloof geregeld zij.
O Maria, Koningin der Martelaren, bidt voor ons.
H. Joseph , bid voor ons.
Bidt voor ons, alle IHJ. Martelaren, opdat wij waardig worden der beloften van Christus. Bidt ook, dat wij de gunst verwerven .. ., naar welke wij zoo vurig verlangen.
Alle Engelen en Heiligen , bidt voor ons.
OEFKNING. Met geduld de moeilijkheden verdragen , die ons overkomen.
6* DAG.
De 11JI. Belijders.
âWelaan, goede en getrouwe knecht, omdat gij over weinig getrouw zijt geweest, zal Ik u over veel stellen.quot;
(Matth. 25. 21.)
Verheugen wij ons bij de gedachte aan die tallooze menigte van heilige Belijders, die zich dankend en jubelend om den troon des Aller-hoogsten scharen. Laat ons vol eerbied met hen nedervallen voor den Heer en vol heilige vreugde
1
304
met hen zingen ; « U , o God , zij eer en dank en lof en aanbidding en kracht en macht en heerlijkheid in alle eeuwigheid!quot; In uw licht toch hebben zij den wear erkend, waarlangs Gij hen tot hunne bestemming wildet geleiden. Uwe kracht deed hen de deugden beoefenen , die hen op den weg des heils staande hielden ; nederig geloof, vaste hoop, trouwe liefde. Door uwe genade volhardden zij lijdend en strijdend, totdat zij den gelukkigen eindpaal bereikten.
«. Gij voorkwaamt hen , o Heer , met de zegeningen uwer liefde.quot; Zij hebben op U gehoopt, Heer, en hunne hoop is niet beschaamd geworden. Daarom prijzen wij uwe wijsheid, liefde en barmhartigheid voor de groote gunsten en zegeningen, over hen uitgestort.
Ook u, HH. Belijders, danken wij voor het bemoedigend voorbeeld, dat gij ons in uw heilig leven hebt nagelaten. Velen uwer wandelden verborgen en onbekend bij de wereld , die niet in staat was uwe nederige deugden te waardee-ren ; maar gij waart welgevallig en groot in de oogen van Hem , die thans uw belooner en zelf uw overgroot loon is. Sterk door Gods kracht, die het den nederig biddende r'ooit aan genade laat ontbreken , gingt gij steeds moedig voort op den weg zijner geboden. En viel die weg u soms lastig, hadt gij met kwellingen, rampspoe-
.
303
den, miskenning van de wereld of hevige bekoringen te kampen, gij zocht uwe kracht bij God en leedt met overgeving en geduld, terwijl gij uwe zwakheid en zelfs uw vallen door dieper nederigheid, vuriger gebed en vernieuwden ijver tot uw voordeel wist te keeren.
Van harte wenschen wij u geluk, heldhaftige Belijders, onder wie wij ons zoo gaarne velen onzer bloedverwanten , vrienden en kennissen voorstellen. Bidt voor ons, opdat wij uwe voorbeelden navolgen en eenmaal in uwe glorie mogen deelen.
O Maria , Koningin der Belijders, bid voor ons.
H. Joseph , bid voor ons.
Bidt voor ons, alle HH. Belijders, opdat wij waardig worden der beloften van Christus; verwerft ons ook de genade . ., die wij zoo vurig verlangen.
Alle Engelen en Heiligen , bidt voor ons.
OEFENING. Alle kruisjra en uioeilijkhedeu met jjeilald verd rasren.
7e DAG.
De HM. Maagden.
â Dezen volgen het Lam, waar Het ook heengaat, en zingen een lied, üat niemand anders zingen kanquot;.. ,
(Openb. 14. 4.')
Heer Jesus Christus, onbevlekt Lam Gods, N. 20
30(;
wiens vermaak het is, onder de leliën te weiden , wij aanbidden U en verheugen ons, dal. Gij U in de HH. Maagden zulk een heerlijken lof, en aan uw Goddelijk Hart eene zoo zoete vreugde bereid hebt. Wij danken U, dat Gij haar onder duizenden uitgekozen, U in uwe schoonheid en beminnelijkheid aan haar geopenbaard en haar als uw bijzonder eigendom geteekend hebt. Gij hebt haar onder uwe liefdevolle bescherming genomen, voor den verderfelijken adem der wereld bewaard, voor de valstrikken des boozen vijands behoed en tegen eiken aanval gesterkt. Wij danken U voor de heerlijke eerekroon , waarmede Gij haar in den hemel versierd hebt en voor de onbegrijpelijke zoetigheid der liefde, met welke Gij in eeuwigheid haar hart vervult!
Met vreugde en vrome vereering beschouwen wij, o HH. Maagden. Wij bewonderen uw ootmoedig , engelrein, godgevallig leven op aarde, en verheugen ons van ganscher harte over het onuitsprekelijk geluk, dat gij thans voor eeuwig geniet om den troon van het Lam. O uitgelezen, roemrijke schaar, gij zijt « de engelen der aarde, de uitverkoren schaapjes van Christus' kudde, het evenbeeld zijner heiligheid.. ..quot;
Gezegend zijt gij, dat gij uw hart van de wereld en hare uroederen losrukkend, het den
307
Goddelijken Bruidegom onverdeeld geschonken en het met zijne genade trouw voor Hem bewaard hebt. Aan Hem en Hem alleen wildet gij behagen. In zijne liefde hebt gij moed en kracht geput, voor den stiijd tegen alle kwellingen en bekoringen , en in zijn verkeer een rijke schadeloosstelling gevonden voor alle vreugden en genoegens der wereld. Trouw hebt gij hier het Lam gevolgd, thans volgt gij Het voor eeuwig in den schoonen hemel.
O liefderijke Jesus, Bruidegom der kuische zielen, verleen ons genadig op de voorspraak uwer bevoorrechte bruiden, de HH. Maagden, dat wij hare voorbeelden van ootmoed , onthechting van het aardsche en bovenal van liefde voor de heilige deugd mogen navolgen, om U eenmaal met haar en alle Engelen en Heiligen te loven en te danken in het rijk der hemelen.
O Maria, Koningin der maagden, bid voor ons. H. Joseph , bid voor ons.
Bidt voor ons, alle HH. Maagden, opdat wij waardig worden der beloften van Christus; verwerft ons ook de genade . . . , die wij zoo vurig verlangen.
Alle Engelen en Heiligen , bidt voor ons.
OEFENING. Met zorg over zijne zintuigen, vooral over zijue oogeu , waken , opdat de dood niet door de vensters binnenkome.
308
8e DAG.
Het Geluk der Heiligen in den hemel.
â Eu God zal allen traan van hunne ootten «fwisschen , en sreeu dood zal daar meer zijn, noch rouw, noch geschrei, noch smart.quot;
(Apoc. 21. 4.)
Het geluk des hemels bestaat deels in het vrij zijn van alle kwalen , van al wat lijden heet, deels in het bezit van alle goederen , van al wat het hart verheugt. Smart, vrees , verdriet, ziekte of dood hebben geen toegang tot den hemel; daar heerscht slechts vreugde , genot, zaligheid in den vollen zin des woords, en zulks voor eeuwig. De Heiligen zien die millioenen en millioe-nen Engelen, Cherubijnen en Serafijnen, die ontelbare scharen van Apostelen, Martelaren, Belijders en Maagden , aan wier hoofd Maria, de allerschoonste, aller Koningin. â⢠Zij zien God! Zijn beminnelijk oog rust op hen ; zij zingen zijn lof, en juichen en jubelen en worden verzadigd door den overvloed van zijn huis. Zij vloeien over van vreugde en baden als in een zee van licht en glorie en blijdschap. â Al de schoonheid der aarde, alle wereldsche en zinnelijke genoegens hebben volstrekt geen waarde in vergelijking met de vreugde des hemels. « Ik zelf,quot; zegt de Heer , « Ik , de vreugde der Enge-en , de rijkdom
309
der hemelen,... Ik zelf zal uw overgroot loon zijn.quot;
(Gen. 15. 1.)
mme Zouden wij, om zulk een eindeloos geluk te
d zal verdienen , in de korte dagen van dit aardsche noch ' B
leven er te veel voor kunnen werken, lijden,
^ opofferen ? . . .
vrij Laten wij ons nederwerpen voor den almach-
?et, tigen , den algoeden God en van ganscher harte
wat bidden : « 0 drieëenige God , Vader, Zoon en H.
iek- Geest, Gij, die den mensch naar uw eigen beeld ge-
lel; schapen ; door het lijden en den dood van Christus
leid genadiglijk verlost en door den H. Geest gehei-
leu- ligd hebt, wij werpen ons in ootmoedige erken-
ioe- ning van onze afhankelijkheid van U, onzen Heer
die en God, vol eerbied voor U neder. Van ganscher
en, harte danken wij U voor het geluk des hemels,
de dat Gij den Heiligen reeds verleend , en waar-
od ! voor Gij in uwe oneindige goedheid ook ons be-
zijn stemd hebt. Verleen ons genadiglijk op de voorbede
igd van al uwe Engelen en Heiligen , dat wij de he-
lien melsche goederen altijd hooger achten en bemin-
van nen, al het aardsche daarentegen leeren verachten ;
ieid opdat wij, met het oog op de eeuwige zaligheid,
ioe- alle kwellingen van dezen tijd met volmaakte
ing overgeving aan den Goddelijken Wil verdragen en
de zóó waardig worden, U eenmaal met alle ge-
om lukkige hemelbewoners in eeuwigheid te loven , te danken en te beminnen.
310
O Maria, Koningin van alle Engelen en Heiligen , bid voor ons.
H. Joseph , bid voor ons.
Alle Engelen en Heiligen des hemels, bidt voor ons, opdat wij allen in den bemel mogen komen ; verwerft ons ook de genade . . . ., indien het ons zalig is.
OEFENING. i)uor de ^edarhte aun deu heinel mis opwekken , tol het volninakt volbrenaeu van de plichten vim onzen staat.
9quot; DAG.
Ifet Geluk, der Heiligen in den hemel. (Vervolg.)
â Geen oo»: heeft gezieu , en ^een oor heeft gehoord, en in geen menschen-hart is opgekomen , wat God bereid heeft voor die Hem liefhebben.quot; (Kor 2. 9.)
De Hemelingen aanschouwen God van aangezicht tot aangezicht, en smaken daardoor een geluk, waarvan niemand op aarde zich een denkbeeld kan vormen. De H. Paulus, die het voorrecht genoot, hij zijn leven in den derden hemel opgenomen te worden, wilde or.s zoo gaarne iets daarvan mededeelen ; doch hij weet geen woorden te vinden om uit te drukken, wat hij zag en hoorde. Niets kan hij zeggen , dan dat het geluk des hemels alle begrip te boven gaat.
311
ieili- Die vreugde des hemels zal nooit iets van hare bekoorlijkheid verliezen; zij zal altijd het hart verzadigen en altijd nieuw blijven. Ja, aan dat voor volmaakt, onuitsprekelijk geluk zal nooit of nim-nen ; mer een einde konr.en. Zoo lang God zal heer-: ons schen, zullen de Heiligen met Hem heerschen ;
zoo lang God verheerlijkt zal worden , zal ook is op- hunne glorie duren.
« Hoe liefelijk zijn uwe tabernakelen , o Heer der heerscharen ! Mijne ziel is begeerig en versmacht van verlangen naar de voorhoven des Hee-^ ren. â Wanneer zal (ook) ik komen en voor uw
aangezicht verschijnen ?quot; (Ps. 83.)
O ja, die eeuwige zaligheid moet en zal eens quot;hen- 111 y11 deel zijn , indien ik met Gods genade wil lereid medewerken, de zonde vermijden en de deugden van mijnen staat wil beoefenen. Mag men zich voor zulk een loon niet een kortstondigen arbeid, nge- eene moeite, een offer van een oogenblik getroos-een ten? Geef mij toch, o goede God, de genade, dat die enk- overvloedige, onvermengde, eeuwige vreugde altijd oor- voor mijnen geest sta , vooral als het lijden mij ünel drukt of vernedering mijn deel is.
iets Heb dank , o God van liefde, heb dank voor rden de glorie en de gelukzaligheid uwer Engelen en j en Heiligen ! Geef mij , bid ik U , op hunne voor-ge- spraak en voornamelijk op die van de allerheiligste Maagd en van den grooten H. Joseph, steeds
312
zóó te leven, dat ik mijne eeuwige zaligheid meer en meer verzekere en voortdurend nieuwe paar-len hechte aan de hemelkroon, die Gij in uwe oneindige barmhartigheid voor mij bestemd hebt.
O Maria, Koningin des hemels, bid voor ons.
H. Joseph , bid voor ons.
Alle Engelen en Heiligen des hemels, bidt voor ons, opdat wij waardig worden der beloften van Christus; verwerft ons ook de genade .. ., waarnaar wij zoo vurig verlangen.
OEFENING. Mocht God een of amler offer vat» ons vorderen breneen wij het Hem edeluioediglijk met het oug op den hemel.
S4.
Noveen ter voorbereiding voor het feest van Allerzielen. (1)
(Zij begint den '24sten October.)
Voor de Aflaten , zie AANMERKING , bl. 7.
Gebed voor eiken dag der Noveen.
Ik smeek U, o Goddelijke Heiland Jesus Christus , en U, o allerheiligste Maagd en Moeder Gods Maria , U te ontfermen over alle zielen des vagevuurs: mijne weldoeners, vrienden en vijanden, bijzonder echter over die zielen, voor welke ik meer verplicht ben te bidden. â Heilige Geest, die de gever van het bidden zijt, verlicht mijn verstand en beweeg mijnen wil, opdat ik door het overdenken der smarten, welke die arme zielen in het vagevuur te lijden hebben, meer en meer worde opgewekt om haar, zooveel ik kan, te helpen. Geef tevens, dat ik door die beschouwing worde aangespoord, om zelfs de kleinste zonde zorgvuldig te vermijden en den goeden God tot mijnen dood toe altijd ijveriger te dienen en vuriger te beminnen.
1
Men kan deze noveen â naar den H. Alphonsus bewerktâ ook met vrucht op eiken tijd naar verkiezing houden.
314
1« DAG.
Gebed. LI. 313.
Veel hebben de arme zielen in het vagevuur te lijden ; maaide grootste smart veroorzaakt haar de gedachte , dat zij zelve , door de zonden , die zij gedurende haar leven begaan hebben, de oorzaak zijn geweest van de pijnen, die zij thaiis moeten verduren.
Liefdevolle Zaligmaker Jesus Christus, ik hel) zoo dikwijls de hel verdiend. Indien Gij mij naar verdiensten gestraft hadt, dan lag ik thans in de hel te branden en dat voor eeuwig; en welk eene foltering zou het dan voor mij zijn, te moeten denken , dat ik zelf door mijne zonden de oorzaak mijner verdoemenis was. Ik dank U voor het groot geduld , dat Gij met mij gehad hebt. O mijn God , die de oneindige goedheid zijt, ik bemin U nu bovenal uit geheel mijn hart en het spijt mij ten zeerste, U ooit vergramd te hebben. Ik beloof U, liever te sterven , dan U ooit te vergrammen. Erbarm U mijner, o mijn God, en geef mij de genade der volharding. Erbarm U ook over de arme zielen in het vagevuur.
H. Maagd Maria , help haar door uwe machtige voorbede.
Onze Vader. Wees gegroet.
y. Heer, geef de geloovige zielen de eeuwige rust.
En het eeuwig licht verlichte haar.
y. Dat zij rusten in vrede.
it. Amen.
315
2® DAG.
Gebed. bl. 313.
; maar
/en be- Eene andere oorzaak van smart, die de arme zielen in het u die vaoevilur veel ^oet lijden, is de gedachte aan den tijd, dien zij op aarde verloren hebben , en waarin zij groote verdiensten voor den hemel hadden kunnen vergaderen. De ge-i heL dachte, dat dit verlies niet meer te herstellen is, en zij uiets meer voor den hemel kunnen verdienen , is voor haar ) naai eene groote foltering.
in de
welk ®' 1106 ellendig ben ik toch , daar ik na zoo moe- 'anë'e .iaren j die ik reeds op aarde leef, zoo m de we'n'n voor den hemel en zoovele straften voor ,1^ u 'le' verdiend heb.
fehad ^ dank U, goede God , dat Gij mij nog den Iheid tijd Beeft) om dat verlies te herstellen. Het spijt |larj mij zeer, dat ik uwe oneindige goedheid mishaagd heb door mijne zonden. Ik haat en verzaak die, 00jj uit liefde tot U, en ik maak het vaste voornemen. God ^ de overige dagen van mijn leven trouw te jarm dienen en steeds vuriger te beminnen. Geef mij daartoe uwe genade. Ontferm U mijner, o mijn chti- ^0d ' ont'61⢠U ook over de arme zielen in het vagevuur.
H. Maagd Maria, help haar door uwe machtige rust. voorbede.
Onze Vader. Wees gegroet.
Heer , geef haar , enz.
316
3e DAG.
Gebed. bl. 313.
Eeue zeer hevige smart , die de arme zielen in het vagevuur kwelt, is het vreeselijk sezicht harer zonden, waarvoor zij thans moeten lijden. Hier op aarde kent men de afschuwelijkheid der zonde niet; in de andere wereld daar-entezen kent men ze volmaakt, en het gezicht dier zonden veroorzaakt derhalve aan de arme zielen des vagevuurs een der grootste smarten , die zij te lijden hebben.
O mijn God, Gij zijt de oneindige goedheid in U zeiven. Ik bemin U bovenal, en het is mij van ganscher harte leed, U zoo dikwijls door mijne zonden vergramd te hebben. Leer mij, bid ik U, de afschuwelijkheid der zonde, niet alleen der doodzonde , maar ook der dagelijksche zonde kennen, en ik beloof U, mijn best te zullen doen, om zelfs de kleinste zonden te vermijden en liever te sterven , dan U nog ooit door eene zware zonde te beleedigen. Verleen mij de genade der volharding. Erbarm U mijner, God van goedheid ; erbarm U ook over de arme zielen in het vagevuur.
H. Maagd Maria, help haar door uwe machtige voorbede.
Onze Vader. Wees gegroet.
Heer . treef haar . enz.
317
4tt DAG.
Gebed. bl. 313.
Het ver-jorzaakt den armen zielen in het vagevuur de hevigste smart, te bedeuken , dat zij op aarde deu goeden Ood , dien zij zoo vurig beminnen , door hare zonden mishaagd hebben. Menig boetvaardige is van hartzeer gestorven bij de gedachte zulk een oneindig goeden God vergramd te hebben. De arme zielen des vapevuurs , die God uit al hare krachten beminnen , erkennen veel beter dan wij , hoe beminnenswaardig Hij is, en derhalve veroorzaakt haar de gedachte, Hem op aarde mishaagd te hebben , eene smart, die heviger is dan alle andere smarten.
God van goedheid en liefde, ik bemin U bovenal en wensch U altijd vuriger te beminnen. Mochten ü toch alle menschen beminnen, niet gelijk Gij het verdient â want dit is onmogelijk â maar zooveel zij slechts kunnen. Het spijt mij bitter, U, mijn God, zoo dikwijls vergramd te hebben door mijne zonden. Ik betreur en verfoei dezelve uit geheel mijn hart, en beloof U , liever te willen sterven dan U nog ooit door eene groote zonde te beleedigen. Zegen dit voornemen en geef mij de genade der vol-harding. Erbarm U mijner; erbarm U ook over de arme zielen des vagevuurs.
H. Maagd Maria, help haar door uwe machtige voorbede.
Onze Vader. Wees gegroet.
Heer, geef haar . enz.
318
5« DAG.
Gebed. bl. 313.
Hevige smart veroorzaakt verder aan de arme zielen des vagevuurs de onzekerheid, waarin zij zich bevinden, wanneer haar lijden een einde zal nemen. Wel weten zij , dat God haar zeker eeus uit hare pijneu verlossen zal , maar de onzekerheid, wanneer dat gelukkige uur zal slaan, veroorzaakt haai eene geweldige smart.
0 mijn God, indien Gij mij, ong-elukkige, behandeld hadt, gelijk ik verdiende , en in de hel gestort hadt, dan had ik thans de droevige zekerheid , die plaats van jammer en ellende nooit meer te zullen verlaten. Ik bedank U, dat Gij medelijden met mij gehad hebt. Ik bemin U bovenal, uit geheel mijn hart, omdat Gij zijt het opperste goed in U zei ven, en het is mij van harte leed, U ooit beleedigd te hebben door mijne zonden. Voortaan geene zonden meer !
Laat mij liever sterven, mijn goede God, dan toe te laten, dat ik U nog ooit door eene doodzonde zou vergrammen. Geef mij de genade der volharding. Erbarm U mijner; erbarm U ook over de arme zielen in het vagevuur.
H. Maagd Maria , help haar door uwe machtige voorbede.
Onze Vader. Wees gegroet.
Heer , geef haar, enz.
319
6e DAG.
Gebed. bl. 313.
Ofschoon de arme zielen des vagevnurs door het denken aan het lijden van Jesns Christus en aan het Allerheiligste Sacrament des Altaars, grooten troost smaken, wijl zij door den dood de? Zaligmakers van de hel zijn bevrijd geworden , en zij door de H. Communie en de H. Mis eertijds groote genaden ontvangen hebben en nog voortdurend ontvangen , zoo pijnigt haar toch de gedachte, dat zij jegens Jesus Christus zoo ondankbaar geweest zijn , hoewel Hij haar zoovele bewijzen zijner liefde gegeven heeft.
Ook voor mij, mijn dierbare Zaligmaker, zijt Gij gestorven; ook mij hebt Gij de onbegrijpelijk groote genade geschonken, U in de H. Communie te mogen ontvangen; ook ik heb liet voorrecht de H. Mis te kunnen bijwonen; en toch heb ik uwe liefde met zoo groote ondankbaarheid vergolden. O vergeef mij, lieve Jesus, mijne voorgaande ondankbaarheid. Nu bemin ik U uit geheel mijn hart, en het spijt mij zeer, U ooit vergramd te hebben door mijne zonden. Voortaan zal zulks niet meer gebeuren; liever wil i k sterven , dan U nog ooit door eene doodzonde vergrammen. Ook de dagelijksche zonde wil ik , zooveel ik kan , vermijden. Verleen mij de genade der volharding. Ontferm U mijner, mijn God ; ontferm L ook over de arme zielen des vagevuurs.
3^0
H. Maagd Maria, help haar door uwe machtige voorbede.
Onze Vader. Wees gegroet.
Heer , geef haar , enz.
7quot; DAG.
Gebed. bl. 313.
Ãe smarten der arme zielen in het vagevuur worden nog vermeerderd , wanneer zij denken aan de bijzondere weldaden . die God haar bewezen heeft; wanneer zij bedenken , dat God hare boetvaardigheid zoo lankmoedig afgewacht, en haar hare zonden zoo genadiglijk vergeven heeft Daardoor toch zien zij altijd duidelijker iu , hoe groot hare ondankbaarheid jegens Onzen Lieven Heer geweest is.
O mijn God, hoe beschamend is deze gedachte voor mij; want wie toch isondankbaarderjegens U geweest dan ik ? Gij hebt mij ontelbare en overgroote genaden geschonken ; Gij hebt zoo lang geduld met mij gehad ; Gij hebt mij zoo dikwijls vol liefde mijne zonden vergeven; en nadat ik herhaaldelijk beloofd had, mij te zullen beteren, heb ik U toch altijd weer opnieuw beleedigd. Dank , goede God , voor het geduld , dat Gij met mij gehad hebt. O, laat toch niet toe, dat ik na dit alles nog verloren ga; want ik wil U beminnen , en in de hel zou ik U niet kunnen beminnen. Mijne zonden berouwen mij uit geheel mijn hart, en liever wil ik sterven , dan U nog ooit door eene zware zonde vergrammen. Verleen
3'21
mij de genade der volharding. Erbarm U mijner, o God; erbarm ü ook over de arme zielen des vagevuurs.
H. Maagd Maria, help haar door uwe machtige voorbede.
Onze Vader. Wees gegroet.
Heer , geef haar , enz.
8« DAG.
Gebed, hl 313.
Eeue wreede foltering voor de arme zieleu in het vagevuur is de gedachte , dat God hier op aarde veel barmhartiger jegens haar , dan jegens zoovele anderen geweest is ; dat zij dien oneindig goeden God nochtans zoo dikwijls be-leedigd en zich zijne ongenade op den hals gehaald hebben ; en dat Hij haar uit loutere barmhartigheid hare zonden heeft vergeven.
Ook ik, mijn God , ook ik ben een dier ondankbaren , die, na zoovele en groote genaden van U ontvangen te hebben, evenwel uwe liefde nog veracht en alzoo verdiend heb tot de hel veroordeeld te worden. Oneindige goedheid, voortaan wil ik U bovenal beminnen , U altijd vuriger beminnen. Van ganscher harte betreur ik het , U zoo dikwijls beleedigd te hebben. Ik beloof U, dat zulks niet meer zal gebeuren; neen, liever wil ik sterven, dan nog ooit door mijne zonden uwe vriendschap verliezen. Geef, n. 21
322
dat ik tot mijnen dood toe in uwe liefde volharde. Ontferm U mijner, o God , want ik ben zoo zwak. Ontferm U ook over de arme zielen des vagevuurs.
H. Maagd Maria, help haar door uwe machtige voorbede.
Onze Vader. Wees gegroet.
Heer , geef haar , enz.
9e DAG.
Gebed, hl 313.
Alle pijueu , die de arme zielen in het vagevuur te lijdeu hebben; het vuur, de duisternis, de onzekerheid, wanneer God hen zal verlossen , de gedachte aan hare ondankbaarheid en ongetrouwheid , dit alles doet de arme zielen niet zooveel lijden als de gedachte, dat zij nog verwijderd zijn van den oneindig goeden God en Hem nog niet van aanschijn tot aanschijn kunnen aanschouwen.
O liefdevolle God, hoe is het toch mogelijk , dat ik zoo lang verre van U en beroofd van uwe genade heb kunnen leven ! O oneindige Goedheid ! te laat heb ik ü gekend ! te laat heb ik U bemind ! Maar nu bemin ik U bovenal; en ik betreur het uit den grond van mijn hart, U zoo dikwijls vergramd te hebben door mijne zonden, en ik maak het vaste voornemen van voortaan niet meer te zondigen, de gelegenheden te schuwen en liever te sterven dan U te vergrammen.
323
Geef, dat ik aan dit voornemen tot aan mijnen dood toe getrouw blijve. Erbarm U over mij ; erbarm U over de arme zielen des vagevuurs, verzacht hare pijnen, verkort hare gevangenschap en roep haar spoedig tot uwe zalige aanschouwing.
H. Maagd Maria, help haar door uwe machtige voorbede ; bid ook voor mij , die nog in gevaar verkeer van voor eeuwig verloren te gaan. Wend dit grootste aller ongelukken van ons allen af.
Onze Vader. Wees gegroet.
Heer , geef haar , enz.
Noveen ter eere van den H. Stanislaus Kostka.
(Zij begint den 4den November.)
1° DAG.
Onschuld van den H. Stanislaus.
Bewonderen wij op de eerste plaats de volmaakte onschuld van den kleinen Stanislaus.
Hoorde liij een minder betamelijk woord , dan werd liij schaamrood en ontstelde zichtbaar. Moest hij meer dergelijke uitdrukkingen hooren, dan verhief het engelreine kind oogen en handen ten hemel, verloor het bewustzijn en stortte ter aarde, zoo men hem niet spoedig vasthield. De onschuld zijner ziel stond hem op het aangezicht te lezen. Hij waakte dan ook met de uiterste zorg over zijne onschuld , die hij als zijn grootsten schat beschouwde. Hij was zeer zedig en ingetogen; altijd matig in het gebruik van spijs en drank ; vermeed lichtzinnige makkers en ijdele ontspanningen en legde zich daarenboven menige vrijwillige boetpleging op. â Zóó bewaarde hij zijne onschuld geheel zijn leven lang.
325
GEBED.
O gelukzalige Stanislaus, die , reeds van uwe teederste jeugd af, geheel aan God toebehoordet, welk een treilend verschil ontwaar ik tusschen uw leven en het mijne !
Nochtans verlies ik den moed niet; ik neem mijne toevlucht tot uwe voorspraak , o minzame Heilige! Dat uw voorbeeld mij leere, wat ik moet zijn, en dat uwe goedheid voor mij de genade bekome om zoodanig te worden. Dikwijls heb ik aan God gezegd , dat ik Hem uit geheel mijn hart wilde dienen ; het is tijd , heden te beginnen. Ik smeek u , mijn lieve Beschermer, door de kinderlijke liefde, die gij hadt voor uwe en mijne goede Moeder, voor mij te bekomen , dat mijn leven, geschikt naai* het voorbeeld van hel uwe, in het vervolg een heilig leven zij, dat mij tot een gelukzaligen dood voorbereide. Verkrijg voor mij ook.....
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader.
â 2e DAG.
Geduld en Zachtraoedigheld van den H. Stanislaus.
De onschuldige Stanislaus had in zijne studiejaren veel te lijden van zijn broeder Paulus, die
326
twee jaar ouder en volstrekt niet deugdzaam was. Het stichtende leven van den kleinen engel was voor Paul us een gedurig verwijt; en daarom deed hij al het mogelijke, om Stanislaus tot zijne eigen lichtzinnige en wereldsche levenswijze over te halen. Alle middelen werden daartoe aangewend, vooral toen zij zich beiden ver van het ouderlijke huis, namelijk te Weenen, bevonden. Bespottingen, verwijtingen, slagen en schoppen, kortom de wreedste mishandelingen had de schuldelooze knaap van zijn ontaarden broeder te verduren. Maar Stanislaus liet daarom niets na van hetgeen hij meende te moeten doen ; overigens verdroeg hij alles met geduld , vergaf aan Paulus zijn onwaardig gedrag, bad veel voor hem en nam elke gelegenheid te baat, om hem een dienst te bewijzen of eenig genoegen te doen.
GEBED.
H. Stanislaus, uw voorbeeld maakt mij diep beschaamd. Gij lijdt de wreedste vervolging om wille van uwe deugd, en gij verdraagt alles met een onverstoorbaar geduld, bidt voortdurend voor uw vervolger en verschaft hem zooveel genoegen, als u slechts mogelijk is. En ik? Helaas, ik kan geen hard woord , niet de geringste bespotting verdragen zonder ongeduldig te worden; en ik ben steeds op middelen bedacht, om hen, die 1
327
I mij gehinderd hebben , met gelijke munt te betalen. O, bid toch voor mij, H. Stanislaus, dat ik van gedrag verandere, naar uw voorbeeld alle kwellingen met geduld verdrage, mij slechts door weldaden en dienstbewijzen wreke op hen, die mij gehinderd hebben , opdat ik steeds met vertrouwen moge bidden ; « Onze Vader,. . .. vergeef ons onze schulden, gelijk wij vergeven onzen schuldenaren.quot; Verkrijg mij ook de genade . . .
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader.
3® DAG.
IJver van Stanislaus voor het Gebed.
Zoodra Stanislaus tot, de jaren van verstand kwam, beloofde hij Onzen Lieven Heer, Hem steeds getrouw te zullen dienen en een recht deugdzaam leven te leiden.
Van dan af was de gedachte aan God en het bidden zijne liefste bezigheid. Reeds als kind verdiepte hij zich daarin zoozeer, dat hij niets bemerkte van alles, wat er rondom hem voorviel. Later gebeurde het niet zelden , dat hij zóó lang en zóó vurig zat te bidden , dat zijne krachten hem begaven, en hij half bewusteloos in elkander zonk. Dagelijks hoorde hij twee of drie HH.
328
Missen. Alvorens naar school te ^aan, ging hij altijd eerst in de kerk Gods zegen over zijne studie al'sraeeken. In alle moeilijkheden was het gebed zijn eerste toevlucht.
GEBED.
H. Stanislaus, ook in dit opzicht is uw leven rijk aan onderrichting. Hoe jong ook , begreept gij reeds, hoe aangenaam, voordeelig en noodzakelijk het gebed voor den mensch is. O, hadde ik dit ook altijd zoo begrepen , ik ware niet zoo nalatig geweest ten opzichte van het gebed ; het bidden zou mij geen last, maar een genoegen geweest zijn ; ik zou er mij met allen mogelijken ijver op hebben toegelegd, en vooral mijn best gedaan hebben om eerbiedig, om goed te bidden. quot;Voortaan wil ik het zóó doen. Vraag Onzen Lieven Heer, dat Hij mij mijne nalatigheid vergeve en mij de genade schenke, mij in het vervolg met allen ijver op dit allernoodzakelijkst middel ter zaligheid toe te leggen, en daarin alles te vinden, wat ik noodig heb om steeds volgens zijnen H. Wil te leven en eens in zijne liefde te sterven. Verkrijg mij ook de genade...
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader.
329
4quot; DAG.
Versterving van den H. Stanislaus.
Niet slechts was Stanislaus zeer matig in het gebruik van spijs en drank en bewaakte hij zijne zintuigen met de grootste zorg, maar bovendien vastte hij dikwijls, zoo o. a. op den vooravond der H. Communie, vermeed ijdele gesprekkenen ontspanningen en legde zich daarbij nog menigmaal vrijwillige boetplegingen op.
Dikwijls stond hij 's nachts op, knielde neder; wierp zich vervolgens met uitgestrekte armen plat ter aarde en volhardde langen tijd in een vurig gebed. Ofschoon hij bij zulke gelegenheden door Paulus en andere medestudenten schromelijk mishandeld werd, liet hij er zich toch niet van afbrengen, wijl hij meende, Onzen Lieven lieer daardoor te behagen. En dan, welk eene heldhaftige en voortdurende versterving werd er niet vereischt, om bij al het leed , dat zijn ontaarde broeder hem aandeed, te zwijgen en er niets van te laten mei ken aan zijne ouders, die hun Stanislaus zoo teeder beminden !
GEBED.
Beminnelijke H. Stanislaus, gij waart zoo onschuldig en toch hebt ge uw lichaam zoo hard behandeld ; en ik , die reeds zoo dikwijls mijne
330
zwakheid heb ondervonden, en den goeden God zoo menigmaal en zoo zwaar beleedigd heb, ik â weet nog haast niet wat het zeggen wil, mijne zinnen iets te weigeren of mij te versterven. Heb medelijden met mij , H. Stanislaus, en verkrijg voor mij van Onzen Lieven Heer, dat ik de waarde en de noodzakelijkheid der versterving moge inzien en ze voortaan volgens Gods H. Wil beoetene , gedachtig het woord des Zaligmakers: « Het rijk der hemelen lijdt geweld en de geweldigen nemen het in.quot; Verkrijg mij bovenal de genade, om mij althans in datgene te versterven , wat met Gods wet in strijd is. Verwerf mij ook. . .
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader.
5® DAG.
Liefde van den H. Stanislaus tot God.
Het vurig en schier aanhoudend gebed van den H. Stanislaus, â een gevolg zijner liefde tot God â was tevens een voortreüëlijk middel om dat liefdevuur onophoudelijk aan te wakkeren. In het gebed toch ontvlamde zijn hart zoozeer , dat de gloed der Goddelijke liefde hem als verteerde. Daar werd hij zóó sterk aangegrepen door de liefde tot zijnen Zaligmaker, dat hij
331
meermalen in bezwijming viel en gedwongen was, in koud water gedoopte doeken op de borst te leggen, om de hevigheid der Goddelijke liefde te matigen. Dan , Stanislaus' leven biedt ons een nog deugdelijker bewijs zijner vurige liefde aan. Jesus zelf toch leert, ons, dat de liefde niet zoozeer bestaat in woorden en gevoelens als wel in daden. Vóór alles was Stanislaus, daarom bezorgd, den Wil van God te volbrengen. En hoeveel hem dit soms ook mocht kosten, nooit aarzelde hij een oogenblik, den Heer dit onfeilbaar bewijs zijner liefde te geven.
O mijn liefderijke beschermer, Stanislaus, serafijn van liefde, ik verheug mij met u over die vurige liefdevlam , die uw zuiver en schuldeloos hart altijd tot zijnen God opgeheven en met Hem vereenigd hield ; en smeek u ootmoedig, voor mij eene zoo groote vlam van Goddelijke liefde te bekomen, dat zij alle aardsche genegenheid in mij vertere en mij door de hemelsche liefde alleen doe branden. Verkrijg mij de genade van nimmer te vergeten, dat het beste bewijs van liefde bestaat in het stipt volbrengen van Gods aanbid-delijken Wil. Verwerf mij ook . ..
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader.
33'2
6e DAG.
Stanislaus' Godsvrucht tot het Allerh.
Sacrament.
Als met een onweerstaanbaar geweld voelde Stanislaus zich getrokken tot Jesus in het Allerheiligste Sacrament. Nooit begaf hij zich naar school of keerde hij daaruit terug , zonder Jesus in het Sacrament zijner liefde een bezoek te brengen. Ook na den maaltijd , als zijn broeder en zijne makkers zich met een of ander spel vermaakten , sloop hij stil naar de kerk , knielde in een hoekje neder en bad met alle mogelijke vurigheid. Eiken Zon- en Feestdag'ging hij te Communie , waartoe hij zich altijd zeer zorgvuldig voorbereidde, o. a. door op den vooravond te vasten , zoo hem dit niet uitdrukkelijk verboden werd. â Hoe schitterend kwam de Heer deze godsvrucht beloonen , toen Stanislaus te Weenen in het huis van den Lutheraan ziek lag en uit de hand eens Engels het H. Sacrament, het Leven van zijn leven , mocht ontvangen !
GEBED.
H. Stanislaus, vurige vereerder van Jesus in het Allerheiligste Sacrament, verkrijg mij de genade , u in deze godsvrucht althans eenigermate na te volgen. Ook voor mij is Jesus daar de bron
333
der genaden ; ook mij noodigt Hij zoo minzaam uit, Hem daar dikwijls te komen bezoeken , en o onuitsprekelijk geluk! -â Hem , lioe onwaardig ik ook ben , in mijn hart te ontvangen, om dan als met volle handen zijne gunsten en genaden over mij te kunnen uitstorten. â Heb ik overigens niets meer bij Hem goed te maken ? Kan ik koud en ongevoelig blijven bij zooveel liefde van Jesus en zooveel onverschilligheid en onteeringen van onzen kant ? H. Stanislaus, verwerf toch voor mij eene degelijke godsvrucht tot Jesus in zijn H. Sacrament. Verkrijg mij ook . ..
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den Vader.
7e DAG.
Stanislaus' Godsvrucht tot Onze JLieve Vrouw.
Van zijne prilste jeugd gaf Stanislaus de on-dubbelzinnigste bewijzen van zijne liefde tot de allerheiligste Maagd. Gaarne las hij boeken, die over Maria's grootheden handelden. Gaarne sprak hij over Haar, en onuitputtelijk was hij in Haar lof. In alle moeilijkheden nam hij met een kinderlijk vertrouwen tot Haar zijne toevlucht. Te Weenen was hij een der ijverigste leden barer Congregatie. Kortom hij verzuimde niets van datgene, waarmede hij dacht de Koningin des hemels
334
te kunnen behagen. En Maria, die zich nooit in edelmoedigheid laat overtreffen, beloonde haren jeugdigen dienaar met de uitgelezenste gunsten. In zijne ziekte o. a. kwam Zij hem troosten en i opbeuren. Zij gat hem zelfs het Kindje Jesus in de armen, opdat Stanislaus Het naar hartelust zou kunnen liefkoozen. Zij beval hem in de orde der Jesuïeten te treden en schonk hem eensklaps de gezondheid weder.
GEBED.
H. Stanislaus, zeer ijverige dienaar en bevoorrecht kind van Maria, bid voor mij en verkrijg mij de onschatbare genade van naar uw voorbeeld de allerheiligste Maagd vurig te beminnen; op Haar, naast God, al mijn vertrouwen te stellen; tot Haar in alle noodwendigheden mijn toevlucht te nemen ; in elke moeilijkheid hare moederlijke bescherming te ondervinden j en tot aan mijnen dood in die troostrijke godsvrucht te volharden. Ik smeek u , H. Stanislaus, bij de godsvrucht, die gij de H. Moeder Gods toedroegt, mijn gebed te willen verhoeren ; dan is mijne zaligheid verzekerd, want de Heiligen leeren mij, dat een waar dienaar van Maria niet kan verloren gaan.
Verkrijg mij ook ....
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den
Vader.
335 8« DAG.
Zalige Dood van Stanislaus.
Stanislaus, die de H. Maagd metterdaad als zijne « Moedereerde en beminde, bad steeds tot Haar met een echt kinderlijk vertrouwen en verkreeg alles, wat hij vroeg. Zijne medebroeders plachten daarom te zeggen : « Wie eene gunst van de Koningin des hemels wil bekomen, behoeft zich maar tot Stanislaus te wenden en hem de zaak aan te bevelen : haren Benjamin zal Zij niets weigeren.quot;
Zijne engelreine ziel brandde van verlangen naar den hemel; en pas achttien jaren oud, smeekte hij de H. Maagd, om op het aanstaande feest harer Hemelvaart te mogen sterven. En zijne goede Moeder kon hem ook deze gunsr. niet weigeren. Zeer vroeg in den morgen van genoemden feestdag kwam Maria, omringd van een groot aantal HH. Maagden, hem uitnoodigen, Haar naar den hemel te volgen, waarop Stanislaus uiterst kalm den geest gaf, om het schoone feest in den hemel te gaan vieren.
GEBED.
Mijn zeer medelijdende en zeer machtige beschermer , Stanislaus, engel van liefde, ik verheug mij met u over uwen allerzaligsten dood,
336
die veroorzaakt werd door het verlangen, van noj
Maria op den feestdag harer Hemelvaart te aanschou- des
won , en door het geweld der liefde tot Haar. me Ik dank Maria, die uwe wenschen wilde bevre- , beE
digen , en bid u, door de verdiensten van uwen eer
allerzaligsten dood, in mijn doodsuur mijn voor- Oo
spreker en beschermer te zijn. lin;
O, doe uwen invloed bij Maria gelden , opdat on( mijn dood , zoo niet even zalig als de uwe, toch zie kalm en zacht moge wezen, onder de bescherming van Maria , mijne voorspreekster, van den die H. Joseph, en van u, mijn bijzonderen bescher- Cli mer. Verkrijg mij ook. ... vat
Onze Vader. Wees gegroet. Glorie zij den lev Vader.
9« DAG.
Stanislaus' Macht in den Hemel.
Wendde men zich, om een of andere gunst te bekomen, reeds tot Stanislaus, toen hij nog leefde , vee! meer deed men zulks na zijn heiligen dood; en God beloonde door tallooze mirakelen het vertrouwen , dat men op zijnen jeugdigen dienaar Stanislaus stelde. De wonderen , op zijne voorspraak verkregen, waren zoo talrijk, dat Polen den H. Stoel een soori van geweld aandeed om den Zaligen Stanislaus â (hij was toen
bij all de ko de H vei zoi dij i te is
337
nog niet heiligverklaard) â tot eersten beschermer des rijks te benoemen. Eindelijk gaf Paus Clemens X aan die dringende bede toe, en de Zalige beantwoordde dien ijver zijner landgenooten met eene menigte nieuwe gunsten en mirakelen. Ook zijn broeder Paulus en zijn gouverneur Bi-linski, die hem zooveel leed berokkend hadden , ondervonden zijne macht bij God, en bekeerden zich rechtzinnig.
Vereeren ook wij godvruchtig den H. Stanislaus, die door de Kerk als patroon en voorbeeld der Christelijke jeugd is aangewezen , en wij mogen vast vertrouwen, zijnen machtigen bijstand in leven en sterven te zullen ondervinden.
GEBED.
Machtige H. Stanislaus, ik wend mij nogmaals bij het einde dezer noveen tot u , en smeek u allerdringendst, mij van Cod, door de voorspraak der H. Maagd â die u reeds hier op aarde niets kon weigeren , en het nu zeker niet kan â al de genaden te verwerven , die ik u in deze noveen gevraagd heb. Verkrijg mij ook deze bijzondere gunst... en verder alles, wat mij noo-dig of voordeelig is, om hier op aarde altijd zóó te leven, dat Onze Lieve Heer over mij tevreden is, en ik met vertrouwen den dood moge af-N. lt;29
338
wachten , om God en de H. Maagd voor eeuwig met u in den schoonen hemel te loven en te danken.
OnzeVader. Weesgegroet. Glorie zij den Vader. â »
Gebed van den H. Stanislaus tot de H. Maagd, om Haar zijn werk op te dragen.
Ik draag U op, mijne lieve Moeder, mijnen arbeid en mijne pijnen , mijnen geest en mijn hart; gewaardig U , die zwakke hulde van mijne liefde en mijnen eerbied te aanvaarden en zelve die op te dragen aan Jesus Christus, uwen God-delijken Zoon en mijnen Zaligmaker. Amen.
he tot
ve
i
he trc
en
be op
ee vo scl
ge br
S6.
Noveen ter eere van de H. Barbara.
(Zij begint den 25sten November.)
nen DAG.
lijn
ijne ® ^01' gt; z'e 0P tot mijne hulp ,
;jVe Heer, haast U om mij te helpen,
od- Glorie zij den Vader, enz.
. lot uwe eer, o God van goedheid , tot verheerlijking der H. Maagd en Martelares Barbara, tot mijne stichting en vermeerdering van mijn vertrouwen, wil ik gedurende deze noveen in het kort het wonderbaar en troostend leven uwer trouwe dienares overwegen.
Als eenige dochter van een zeer aanzienlijk en ijverig afgodendienaar, mocht er volgens de bedoeling baars vaders niets aan de vorming en opvoeding van Barbara ontbreken. Hij liet zelfs 1 ee'1 toren bouwen en van alle geriefelijkheden voorzien , waarin zij , verwijderd van de gemeen-j schap der menschen, wier omgang hij voor haar gevaarlijk achtte, hare jeugdige Jaren moest doorbrengen.
, Hoe wonderbaar, o Heer, zijn uwe wegen ,
wig i te
ier. gt; -gd,
340
en met welk eene zorg waakt Gij over uwe uitverkorenen !
Oefening (1) voor eiken dag der Noveen.
GEBED.
O God, die, onder andere wonderen uwer macht, zelfs aan het zwakke geslacht de overwinning van het martelaarschap verleend hebt , geef genadig, dat wij, die den geboortedag zullen vieren der heilige Maagd en Martelares Barbara , door hare voorbeelden tot U mogen gaan. Door Jesus Christus , onzen Heer. Amen.
Vijf Begroetingen der H. Barbara.
Gegroet , H. Maagd Barbara, die de gerechtigheid bemind en de ongerechtigheid gehaat hebt.
Gegroet, H. Maagd Barbara, die door God gezalfd zijt met de olie der blijdschap.
Gegroet, H. Maagd Barbara, die door de schoonheid uwer ziel behaagd hebt aan Jesus, den Koning der Maagden.
Gegroet, H. Maagd Barbara, die onder jubelgezang opgevoerd zijt tot den Koning des hemels.
Gegroet, H. Maagd Barbara , Bruid van Christus , die in den hemel de kroon zijt gaan ont-
i
(1) Volgens Missaal of Brevier.
âI
341
uit- vangen, welke uw Bruidegom n voor de eeuwigheid had bereid.
GEBED.
Wij bidden U, Heer, dat de voorbede van uwe H. Maagd en Martelares Barbara ons be-scherme tegen alle onheil, opdat wij door eene ware boetvaardigheid en eene zuiverende Biecht voor den dag van onzen dood , door hare tus-schenkomst het hoogheilig Sacrament van het Allerheiligste Lichaam en Bloed onzes Heeren Jesus Christus verdienen te ontvangen , die met U leeft en heerscht in de eenheid van den H. Geest, God door alle eeuwen der eeuwen. Am.
Onze Vader. Wees aegroet.
2» DAG.
O God, zie op, enz. Gloria zij den Vader, enz.
Onze Lieve Heer schikte de zaken intusschen zoo, dat de maatregelen, door haren vader genomen , geheel in strijd met zijne bedoeling, maar tot Gods glorie en tot heil van Barbara uitvielen. Deze was niet slechts met uitstekende schoonheid begaafd , maar bezat ook een edel gemoed , een fijn verstand en een hart, van nature afkeerig van alles wat oneerbaar en onbetamelijk was. In hare eenzaamheid dacht zij
342
veel na , en door Gods genade verdwenen langzamerhand de duisternissen des heidendoms, om plaats te maken voor het reine licht des geloofs. Zij beantwoordde trouw aan de ontvangen genaden en vorderde gestadig in den eerbied , de liefde en de getrouwheid jegens God.
De goede God laat het hun, die Hem recht-zinnigiijk zoeken, nooit aan zijn licht en zijne genade ontbreken.
Oefening voor eiken dag der Noveen, bi. 340.
3® DAG.
ö God, zie op, enz. Glorie zij den Vader, enz.
God zag met bijzonder welgevallen op Barbara neder en beloonde hare edelmoedige pogingen door altijd grooter licht en krachtiger genaden. Door wie zij onderwezen werd en wie haar later het H. Doopsel toediende , is niet met zekerheid te zeggen.
Haar vader, die niet weinig groot ging op hare voortrcllëlijke hoedanigheden , droomde reeds van eene schitterende echtverbintenis en wilde zijne dochter daartoe overhalen. Zij echter wees alle aanzoeken van de hand en wenschte voor God alleen te leven. Toen Dioscorus â zoo heette haar vader â haar eens aankondigde, dat hij eene verre reis ging ondernemen, verzocht zy
343
hem in haren toren eene badkamer te laten bouwen. Hij stemde toe , en beval daarin twee vensters aan te brengen.
O mijn God, hoe gelukkig zijn zij, die zich in alles door uwe vaderlijke Voorzienigheid laten geleiden.
Oefening voor eiken dag der Noveen, bl. 340. 4» DAG.
O God , zie op , enz. Glorie zij den Vader, enz.
De godvreezende maagd liet het werk zooveel mogelijk bespoedigen en in plaats van twee drie vensters , alsmede een kruis aan een der muren maken, ten einde het geheim der H. Drievuldigheid en der Verlossing steeds voor oogen te hebben. In deze badkamer nu werd Barbara gedoopt. Door Gods genade gesterkt, beloofde zij den Heer eeuwige zuiverheid , en bracht hare dagen in godsvrucht en blijdschap des harten door tot aan de terugkomst haars vaders. Nauwelijks was deze te huis, ol' hij gaf haar zijn verlangen te kennen , haar weldra gehuwd te zien. Nu mocht Barbara niet langer zwijgen en zij openbaarde hem , dat zij reeds lang aan het heidendom en, ter Helde van Jesus , ook aan het huwelijk verzaakt had.
Gods genade verheft den mensch boven zijne
344
zwakheid en boezemt liem een Levvonderenswaar-digen heldenmoed in.
Oefening voor eiken dag der Noveen, hl. 340. 5quot; DAG.
O God, zie op, enz. Glorie zij den Vader, enz.
Diosoorus ontstak op deze woorden in zulk eene hevige gramschap , dat hij zijne dochter op hetzelfde oogenhlik wilde doorsteken ; doch Barbara nam de vlucht en verborg zich in het woud. Haar vader ontdekte echter hare schuilplaats en klaagde haar als Christin aan hij den stadhouder Marcianus. Deze trachtte haar eerst door vleierij en vervolgens der vreeselijke bedreigingen tot afval van het geloof' en tot het huwelijk over te halen. Doch al zijne pogingen leden schipbreuk op de standvastigheid der jeugdige heldin.
Wie op den Heer vertrouwt, is sterker dan alle wereldsche en helsche machten.
Oefening voor eiken dag der Noveen, bl. 340.
0« DAG.
O God, zie op, enz. Glorie zij den Vader, enz.
Met eene stem , die van heilige aandoening trilde, antwoordde de onverschrokken maagd; « O Marcianus, als gij wist, hoe zoet het is, Jesus te kennen , te beminnen en geheel te bezitten , gij zoudt niet beproeven, mij van Hem, den God
345
mijns harten en den Bruidegom mijner ziel, te scheiden. Ik heb mijn vader lief; doch hem meer liefhebben dan mijn Vader in den hemel, mag ik niet. Ik ben mijn vader gehoorzaamheid verschuldigd, doch ik mag ter wille van hem het gebod van mijn 'Vader in den hemel niet overtreden. En wat den toorn des keizers betreft, waarmede gij mij bedreigt , dien tel ik niet, als ik de liefde van mijn Jesus bezit.quot;
De liefde Gods is een goed van onschatbare waarde.
Oefening voor eiken dar; der Noveen, bl. 340.
7quot; DAG.
O God, zie op, enz. Glorie zij den Vader, enz.
Bloedige folteringen, dagen achtereen herhaald, werden thans aangewend om den moed en de standvastigheid van Barbara te overwinnen. Maar zij smeekte God om bijstand en verduurde het schromelijkste lijden met eene onverstoorbare kalmte en heilige blijdschap. Eindelijk sprak de vergramde rechter het vonnis der onthoofding over de heldhaftige bel ij de res uit, en met een hart vol vreugde ging de veroordeelde ter strafplaats, om den zegepalm der martelaren te ontvangen.
Wie met en voor Christus lijden, zullen met en door Hem gekroond worden.
Oefening voor eiken dag der Noveen, bl. 340.
346
8« DAG.
O God, zie op, enz. Glorie zij den Vader, enz.
Reeds naderde de beul om Barbara den doode-iijken slag te geven , toen Dioscorus, die, door blinden haat tegen liet Christendom vervoerd, het gansche verhoor en de mishandeling zijner dochter niet alleen had aanschouwd, maar zelfs met woeste drift had toegejuicht en bespoedigd, vóór den rechterstoel trad en als eene gunst verzocht, zijne dochter te mogen onthoofden. De wreede Marcianus stond dit verzoek toe, en het hoofd der H. Martelares viel onder de hand van haar ontaarden vader. Doch op het eigen oogenblik ontving deze zijne verdiende straf; want een bliksemstraal doorkliefde de lucht en benam hem het leven....
Onze God is niet slechts looner van het goede, maar ook straffer van het kwaad.
Oefening voor eiken dag der Noveen, hl 340.
9e DAG.
O God, zie op, enz. Glorie zij den Vader, enz.
De H. Barbara wordt door vele geloovigen aangeroepen om de genade van niet door den dood overvallen te worden, alvorens de HH. Sacramenten der stervenden te hebben ontvangen. Talrijke voorbeelden hebben bewezen, hoe wel-
347
gevallig dit geloovig vertrouwen aan den goeden God is. Een enkel feit moge hier volstaan.
In 1448 ontstond er te Gorkum in het huis van een vroom en bemiddeld man,, Henricus Kok geheeten, een felle brand. De eigenaar werd daarbij schier onder het brandende puin begraven. Hij riep nu volgens zijne dagelijksche gewoonte de H. Barbara aan, opdat hij de laatste HH. Sacramenten zou mogen ontvangen. Zijn gebed werd verhoord; de I I. Barbara verscheen hem , leidde hem uit de vlammen, en Henricus, ofschoon deerlijk gekwetst, begaf zich evenwel zonder vreemde hulp naar het huis zijner dochter; ontving vervolgens met den diepsten eerbied de troostmiddelen der H. Kerk, de Sacramenten der stervenden, beval zich nogmaals aan de H. Barbara en ontsliep zacht in den Heer.
Mochten ook wij allen op de voorbede dei' H. Barbara de genade van een zaligen dood bekomen ! Oefening voor eiken dag der Noveen, bl. 340.
ST'.
Noveen om zich voor te bereiden op het feest der Onbevlekte Ontvangenis.
{Zij begint den 29stsr' November.)
Voor de Aflaten, zie AANMERKING, bl. 7.
Gebeden voor eiken dag der Noveen.
Kom , H. Geest, vervul , enz. bl. 7.
y. Zend uwen Geest, enz.
O God , die de harten , enz.
Voorbereidend Gehed.
O allerheiligste Maagd , zonder zonde ontvangen , van het eerste oogenblik uwer Ontvangenis geheel schoon en zonder vlek, roemrijke Maria, vol van genade en Moeder van mijnen God, Koningin der Engelen en der menschen, ik eerbiedig U als de Moeder van mijnen Zaligmaker.
Ik dank uw Goddelijken Zoon , dat Hij , door de achting, den eerbied en de onderdanigheid, die Hij U steeds betoonde , mij heeft willen lee-ren , welke eer en hulde ik U moet bewijzen. Gewaardig U , o H. Maagd , ik smeek het U, de eerbevvijzingen gunstig te ontvangen, die ik U in
349
deze Noveen kom aanbieden. Gij zijt de zekerste toevlucht der waarlijk boetvaardige zondaars; ik heb dus wel reden om mij tot U te wenden. Gij zijt de Moeder van barmhartigheid; het is dus onmogelijk , dat Gij op het gezicht mijner ellenden niet verteederd zoudt worden. Gij zijt na Jesus Christus, uwen Goddelijken Zoon, al mijne hoop. Ach, gewaardig U, mijn teeder vertrouwen op U met welgevallen aan te zien. Maak, dat ik waardig zij uw kind genoemd te worden, opdat ik steeds met vertrouwen met de H. Kerk kunne zeggen : « Monstra te esse matrem : toon, dat Gij (onze) Moeder zijt.quot;
Men bidt vervolgens negen Wees gegroet met één Glorie zij den Vader, enz.; en voegt daarbij het gebed, dat aan den dag der Noveen eigen is.
Vervolgens bidt men de Litanie- van de H. Maagd of in plaats daarvan het volgende Responsorium (beurtzang) ter cere der Onbevlekte Ontvangenis. (Tota pulchra.)
O Maria ! Gij zijt geheel schoon;
O Maria ! Gij zijt geheel schoon ;
En de vlek der erfzonde is niet in U ;
En de vlek der erfzonde is niet in U;
O Gij , de roem van Jeruzalem !
%. O Gij , de vreugd van Israèl!
y. O Gij , de eer van ons volk !
O Gij , de voorspreekster der zondaren !
350
f. O Maria!
O Maria !
y. Allervoorzichtigste Maagd;
Goedertierenste Moeder;
y. Bid voor ons ,
Rr. Spreek voor ons ten beste bij Jesus Christus , onzen Heer.
Na de Litanie of na het Responsorium.
f. In uwe Ontvangenis, o Maagd, waart Gij onbevlekt.
R:. Bid voor ons den Vader, wiens Zoon Gij gebaard hebt.
GEBED.
O God, die door de Onbevlekte Ontvangenis der H. Maagd eene waardige woonplaats voor uwen Goddelijken Zoon bereid hebt, geef, smeeken wij U, dat Gij, die Haar uit kracht van den toekomstigen dood van dien zeilden Zoon van alle smet bewaard hebt, door hare tusschenkomst ook ons de genade willet verleenen van onbesmet tot U te komen.
Gebed voor den Paus , hl. 14.
Gebed voor alle geloovigen, bi. 14.
O Maria, zonder zonde ontvangen, bid voor ons, die onze toevlucht tot U nemen. (1)
(1) Het is ten zeerste aan te raden, d't schietgebed, met 100 dagen aflaat verrijkt, vooral gedurende deie Noveen dikwijls te bidden.
Bijzondere gebeden voor eiken dag dei-Noveen.
1quot; DAG.
(29 November.)
Kom , H. Geest, enz.
Voorbereidend gebed, bl. 348.
Negen Wees gegroet, enz.
Ik werp mij, o H. Maagd, aan uwe voeten neder; ik verheug mij met U, dat Gij van eeuwigheid af zijt uitverkoren tot Moeder van het eeuwige Woord en dat Gij van de vlek der erfzonde zijt bevrijd gelieven.
Ik dank en loof de Allerheiligste Drievuldigheid, die U in uwe Onbevlekte Ontvangenis met zulke heerlijke voorrechten verrijkt heeft, en ik smeek U zeer nederig, mij de genade te verkrijgen, van de droevige uitwerkselen, die de erfzonde in mij heeft voortgebracht, te overwinnen. O, mocht ik hierin door uwe voorspraak slagen en nooit ophouden mijnen God te beminnen.
Litanie der H. Maagd {of Responsorium) met Gebed, alsmede Gebed voor den Paus en Gebed voor alle geloovigen , hl. ii en volg.
352
2e DAG.
(30 November.) Zie boven.
O Maria, wier onbevlekte reinheid de witheid der schoonste lelie ver overtreft, ik verheug mij met U, dat Gij van het eerste oogenblik uwer Ontvangenis met genaden overladen en bovendien met het volmaakt gebruik der rede zijt begaafd geweest. Dankbaar aanbid ik de Allerheiligste Drievuldigheid, die U met de verhevenste gaven versierd heeft; en ik ben beschaamd , als ik zie, dat ik zoo ontbloot ben van genade. O Gij, die zoo overvloedig met de hemelsche gaven zijt verrijkt geworden, deel mijne ziel een weinig van dien overvloed mede, en maak mij deelgenoot van de genaden uwer Onbevlekte Ontvangenis.
Litanie , enz. Zie 'Isten Dag.
3quot; DAG.
(1 December.)
O Maria, geheimzinnige roos; van zuiverheid , ik verheug mij met U over de roemrijke zegepraal, welke Gij in uwe Onbevlekte Ontvangenis over de helsche slang behaald hebt, en dat Gij van de besmetting der erfzonde zijt bevrijd gebleven. Uit geheel mijn hart loof en dank ik de Allerheiligste Drievuldigheid, die U zulk een voor-
353
recht, verleend heeft, en ik smeek U mij de genade te verwerven van alle aanlokselen van den duivel te overwinnen, en mijne ziel nooit meer met eenige zonde te bevlekken. O Maria , kom mij altijd te hulp en geef, dat ik door uwe bescherming altoos zegeprale over de vijanden van mijne eeuwige zaligheid.
Litanie, enz.
4» DAG.
(2 December.)
O Maria, onbevlekte Maagd, spiegel van zuiverheid , ik ben ten hoogste verheugd, U van het eerste oogenhlik uwer Ontvangenis, met de ver-hevenste en volmaaktste deugden en met al de gaven des H. Geestes verrijkt te zien. Ik loof en dank de Allerheiligste Drievuldigheid , die U met deze roemrijke voorrechten begunstigd heeft; en ik smeek U , o zoete Moeder, mij de genade te verwerven, steeds de deugd te beoefenen en mij op die wijze de gaven en genaden des II. Geestes waardig te maken.
Litanie, enz.
5e DAG.
f3 December.)
O Maria, glanzende maan van zuiverheid , ik N. 23
354
verheug mij met U, dat liet geheim uwer Onbevlekte Ontvangenis het beginsel der zaligheid van geheel het menschelijk geslacht en der vreugde van het heelal geweest is. Dankbaar loof ik de Allerheiligste Drievuldigheid , dat Zij U zoozeer verheven en verheerlijkt heelt; en ik bid U, mij de genade te verkrijgen , dat ik mij het lijden en den dood van uwen Goddelijken Zoon ten nutte make, opdat zijn bloed niet tevergeefs aan het kruishout voor mij vergoten zij, maar dat het mij, door een heilig leven , tot de eeuwige zaligheid brenge.
Litanie, enz.
6° DAG.
(4 December.)
O onbevlekte Maagd Maria, schitterende ster van zuiverheid, ik verheug mij met U over de vreugde, welke uwe Onbevlekte Ontvangenis aan alle Engelen in den hemel heeft veroorzaakt. Ik loof en dank de Allerheiligste Drievuldigheid, die U met zulk een buitengewoon voorrecht heeft verrijkt. O Maria, maak, dat ik eenmaal in' die vreugde deele en U in het gezelschap van alle Engelen gedurende de gansche eeuwigheid moge loven en verheerlijken.
Litanie, enz.
355
7» DAG.
(5e December.)
O Maria, schoon als de dageraad, ik ben verrukt en opgetogen van vreugde, dat Gij in het eerste oogenbiik uwer Ontvangenis in de genade bevestigd en onzondig gemaakt zijt. Ik dank en verheerlijk de Allerheiligste Drievuldigheid , die U door dit uitstekend voorrecht zoozeer boven alle schepselen verhief. Boezem mij, o H. Maagd, een waren afkeer in van elke zonde; maak , dat ik dezelve meer bate dan elk ander onheil en liever sterve, dan er mij ooit aan schuldig te maken.
Litanie, enz.
S6 DAG.
(() December.)
O Maagd Maria, vlekkelooze zon, ik wensch U geluk en verheug mij met U, dat God U in uwe Onbevlekte Ontvangenis eene meer verheven en overvloedige genade verleend heeft, dan die van alle Engelen en Heiligen, zelfs op het hoogste punt hunner volmaaktheid. Ik dank en verheerlijk de Allerheiligste Drievuldigheid, die in hare oneindige goedheid U dit voorrecht verleend heeft. O H. Maagd, verwerf mij de gunst van voortaan trouw aan Gods genade te beantwoorden en ze
35(5
nooit meer Ie misbruiken ; verander mijn hart , opdat ik van dit oogenblik af beginne mij te beteren.
Litanie , enz.
9 DAG.
(7 December.)
0 Maria , onvergelijkelijke Maagd en Moeder, helderscliijnende lakkei van heiligheid en voorbeeld van reinheid, Gij hebt terstond na uwe Ontvangenis God nederig aangebeden en bedankt, dat Hij zich van ü heeft willen bedienen om de oude vervloeking te doen ophouden en de over-vloedigste zegeningen over de kinderen van Adam uit te storten. Maak , dat deze zegen het vuur der Goddelijke liefde in mijn hart. ontsteke, dat het verteerd worde door de reine vlammen , die U verslinden, opdat ik God hier op aarde gestadig moge beminnen , en eenmaal in den hemel bezittende, Hem nog vuriger moge bedanken voor de uitstekende voorrechten , waarmede Hij U overladen heeft. O goede Moeder, verkrijg ons toch de genade van steeds zóó te leven , dat wij waardig worden God van aanschijn tot aanschijn te aanschouwen en getuige te zijn van uwe onbeschrijfelijke glorie in het lijk der gelukzaligen.
O Maria , zonder zonde ontvangen ,
Bid voor ons, die onze toevlucht tot U nemen.
Litanie, enz.
SS.
Noveen tot voorbereiding voor het H. Kerstfeest.
(Zij begint den 16den December.)
Op lederen daï der Novenen : 300 dagen aflaat.
Voor de tceheele Novenen : een vollen aflaat op Kerstdag of onder de octaaf. Pias Vlï , 12 Aug. 1815.
Overdenhing. dienstig voor eiken dag dei-Noveen.
Stel u in Gods tegenwoordigheid en denk , dat Maria u aldus toespreekt :
« Verbeeld u, mijn kind, den pasgeboren Heiland , in armoedige doeken gewikkeld , in eene kribbe op een weinig stroo te zien liggen, zonder ander gezelscliap dan eene arme Vrouw, een werkman en enkele herders. Erken in dat Kind den Zoon Gods, aanbid Hem en verneder u. Denk, dat zijn lijden, zijn zuchten en geween de prijs onzer verlossing zijn. Loof zijne barmhartigheid met de teederste en vurigste dankbaarheid. Beschouw Hem als van den Vader gezonden, om diens Wil te openbaren; ontvang met eerbied zijne geboden , en beloof Hem , naar dezelve ge-
358
heel uw leven te zullen inrichten. â Voly Hem eindelijk in den tempel; Hij toont daar de vurigste godsvrucht. .. Aanschouw Hem te Nazareth : Hij gehoorzaamt aan zijne Ouders met de grootste eenvoudigheid. In alles , wat Hij doet, schijnt de vergetelheid van Zich zeiven en de versmading der wereldsche vermaken door. â Maak nu eene vergelijking tusschen Hem en u ; wees beschaamd over uwe lichtzinnigheid, uwe ongehoorzaamheid, uwe ongeregelde liefde voor de schepselen, of voor uw gemak of uw vermaak. Neem u voor, in liet vervolg, vooral gedurende deze noveen, u zeiven, vooraleer gij uwe bezigheden begint, te vragen ; « Wat deed Jesus in dergelijke omstandigheid ? Wat zou Hij doen, in mijne plaats zijnde? Wat wil Hij, dat ik doe?quot; Luister dan goed naar het antwoord en handel dienovereenkomstig.quot;
Gebed ter eere der H. Kindsheid van Jesus.
Voor eiken dag der Noveen.
iT. O God , zie op tot mijne hulp ;
Heer, haast U om mij te helpen.
Onze Vader. Glorie zij den vader , enz.
1. Allerzoetst Kind Jesus, die voor onze zaligheid uit den schoot uws Vaders zijt nedergedaald , en die, door den H. Geest ontvangen, den schoot eener Maagd niet hebt geschroomd;
359
vleeschgeworden Woord, dat de gedaante van een slaaf hebt aangenomen , ontferm U onzer,
lij Ontferm U onzer, Kind Jesus, ontferm U onzer.
Wees gegroet, Maria , enz.
2. Allerzoetst Kind Jesus , die door tusschen-komst der H. Maai.;d, uwe Moeder, Elisabeth bezocht , Joannes Baptista, uwen voorlooper, met den H. Geest vervuld en geheiligd hebt, ontferm U onzer.
h. Ontferm U onzer. Kind Jesus, ontferm U onzer.
Wees gegroet , er z.
3. Allerzoetst Kind Jesus, die met het vurigst verlangen door de H. Maagd Maria en den H. Joseph verwacht, en aan God den Vader voor de zaligheid der wereld opgedragen zijt, ontferm U onzer.
. Ontferm U onzer, Kind Jesus, ontferm U onzer.
Wees gegroet, enz.
4. Allerzoetst Kind Jesus, te Bethlehem uit de Maagd Maria geboren, in doeken gewonden , in eene kribbe gelegd , door de Engelen aangekondigd en door de herders bezocht, ontferm U onzer.
Ontferm U onzer, Kind Jesus, ontferm U
onzer.
Wees ueuroet . enz.
360
Eere zij U, o Jesus, die uit eene Maagd geboren zijt; eere zij den Vader en den H. Geest, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
f. Christus is nahij ons.
r!. Komt, laten wij Hem aanbidden.
Onze Vader, enz.
5. Allerzoetst Kind Jesus, die na acht dagen in de besnijdenis zijt gewond, den glorierijken Naam « Jesusquot; ontvangen, en aldus door uw Naam en door uw bloed het ambt van Zaligmaker hebt aangekondigd , ontferm U onzer.
Ontferm U onzer, Kind Jesus, ontferm U
onzer.
Wees gegroet, enz.
6. Allerzoetst Kind Jesus, aan de drie Wijzen door de ster , die hen leidde, veropenbaard , op den schoot uwer Moeder aanbeden , en met de geheimzinnige geschenken van goud , wierook en mirre begiftigd , ontferm U onzer.
9=. Ontferm U onzer, Kind Jesus, ontferm U onzer.
Wees gegroet, enz.
7. Allerzoetst Kind Jesus, door de H. Maagd, uwe Moeder, in den tempel opgedragen, in de armen van Simeon ontvangen , en door Anna, de profetes, aan Israël bekend gemaakt, ontferm U onzer.
361
i^. Ontferm U onzer, Kind Jesus, ontferm U onzer.
Wees gegroet, enz.
8. Allerzoetst Kind Jesus, door den godde-loozen Herodes ter dood gezocht, door den H. Joseph met uwe Moeder naar Egypte vervoerd, onttrokken aan eene wreede moorderij, en door het bloed der Onnoozele Kinderen verheerlijkt, ontferm U onzer.
R-. Ontferm U onzer, Kind Jesus , ontferm U onzer.
Wees gegroet, enz.
Eere zij U, o Jesus, enz. hl. 360.
f. Christus is nabij ons.
r. Komt, laten wij Hem aanbidden.
Onze Vader , enz.
9. Allerzoetst Kind Jesus, die met uwe allerheiligste Moeder Maria en den H. Patriarch Joseph in Egypte zijt verbleven tot na den dood van Herodes , ontferm U onzer.
i^. Ontferm U onzer, Kind Jesus , ontferm U onzer.
Wees gegroet, enz.
10. Allerzoetst Kind Jesus, die, uit Egypte in het land van Israël wederkeerende, vele vermoeienissen op de reis doorstondt en eindelijk in de stad Nazareth zijt aangekomen , ontferm U onzer.
362
R-. Ontferm U onzer , Kind Jesus, ontferm U onzer.
Wees gegroet, enz.
11. Allerzoetst Kind Jesus , die in het heilig huisje van Nazareth, uwen Ouders onderdanig , ootmoediglijk hebt gewoond, en die, te midden van de armoede en van den arbeid , in wijsheid, ouderdom en genade aangroeidet, ontferm U onzer.
i^. Ontferm U onzer, Kind Jesus, ontferm U onzer.
Wees gegroet, enz.
12. Allerzoetst Kind Jesus, in den ouderdom van twaalf jaren naar Jerusalem geleid, door uwe Ouders met zooveel droefheid gezocht, en na drie dagen met vreugde te midden der leeraren teruggevonden , ontferm U onzer.
i^. Ontferm U onzer, Kind Jesus, ontferm U onzer.
Wees gegroet, enz.
Eere zij ü, o Jesus, enz. bl. 360.
f. Christus is nabij ons.
!gt;-. Komt, laten wij Hem aanbidden.
f. Het Woord is vleesch geworden,
R-. En Het heeft onder ons gewoond.
GEBED.
Almachtige en eeuwige God , Heer van hemel en aarde, die U gewaardigd hebt, U aan de
363
kleinen te openbaren , maak , smeeken wij U, dat wij , door waardig de heilige geheimen dei-kindsheid van uwen Goddelijken Zoon te eeren en door zijne deugden na te volgen , verdienen in den hemel te komen , die aan de kinderen beloofd is; door denzelfden Jesus Christus, onzen Heer. Amen.
13 Hi -A. ID WIJ Z EIR,.
--«-EMröKSâgt;â
BLADZ.
Voorrede............. 5
1. Noveen ter voorbereiding tot het feest
van Maria's Zuivering of O. L. Vrouw
Lichtmis ......... 7
(Zij begint den 24steu Januari.)
2. Genade-noveen ter eere van den H.
Franciscus Xaverius......15
{Zij begint den ^1611 Maart.)
3. Noveen ter eere van den H. Joseph. . 18
(Zij begint den lO11quot; Maart.)
4. Noveen ter eere van O. L. V. der Zeven
Weeën...........28
(Zij begint Woensdag vóór Passie-Zondag en Vrijdag na den lsten Zondag in September.)
|
BLADZ. | |||
|
5. |
Noveen ter voorbereiding voor het feest | ||
|
van 0. L. Vrouw Boodschap. |
35 | ||
|
(Zij begint den ,16''en Maart.) | |||
|
6. |
Noveen ter voorbereiding voor het | ||
|
Beschermfeest van den H. Joseph. . |
41 | ||
|
{Zij begint Vrijdag na Beloken Paschen |
) | ||
|
7. |
Noveen ter eere van den Heiligen Geest, | ||
|
tot voorbereiding voor liet Pinkster | |||
|
feest............ |
48 | ||
|
{Zij begint daags na 0. H. Hemelvaartsdag.) | |||
|
ADZ. |
8. |
Noveen ter eere van Jesus in het | |
|
5 |
H. Sacrament, lot voorbereiding voor | ||
|
H. Sacramentsdag....... |
(50 | ||
|
{Zij begint Dinsdag na Pinksteren.) | |||
|
7 |
9. |
Noveen ter voorbereiding voor het feest | |
|
van het H. Hart van Jesus. . . . |
71 | ||
|
{Zij begint daags vóór 11. Sacramentsdag.) | |||
|
15 |
10. |
Noveen voor den eersten Vrijdag van | |
|
elke maand , tot eerherstel aan het | |||
|
18 |
H. Hart van Jesus....... |
93 | |
|
11. |
Noveen ter eere van den H. Antonius | ||
|
van Padua........... |
llfi | ||
|
'28 |
{Zij begint den 4'l''n Juni.) | ||
|
en |
12. |
Noveen ter eere van den H. Aloysius. |
1'25 |
|
r-) |
{Zij begint den 1'i'1quot;1 Juni.) | ||
BLADZ.
13. Noveen ter eere der HH. Martelaren
van Gorcum.........14Ã
(Zij begint don 30teI1 Juni, of, toil men op den feestdag zelf eindigen, den isten Juli.)
14. Noveen ter eere van den H. Vincentius
a Paulo...........159
{Zij begint den 10dcl1 Juli.)
15. Noveen ter eere van de H. Anna. . 184
(Zij begint den 17(|CI1 Juli.)
16. Noveen ter voorbereiding tot het feest
van O. L. V. Hemelvaart. . . . 187 (Zij begint den 0tlen Augustus.)
17. Noveen ter voorbereiding tot het feest
van O. L. V. Geboorte.....205
(Zij begint den 30ten Augustus.)
18. Noveen ter voorbereiding tot het feest
van het H. Hart van Maria. . . . 210 (Zij begint den 6dcn September.)
19. Noveen ter voorbereiding voor het feest
van den H. Rozenkrans. l8ten Zondag
in October..........234
(Zij begint Vrijdag vóór den laatsten Zondag van September.)
BLADZ.
Noveen ter eere van den H. Francis-
cus van Assisië........242
(Zij begint den 25sten September.)
Noveen ter eere van de H. Teresia. . 260 {Zij begint den 6'l,n October.)
Noveen ter eere van den Zaligen Gerar-
dus Majella.........274
{Zij begint don 7dequot; October.)
Noveen ter voorbereiding voor het
Allerheiligen-feest.......292
(Zij begint den 23st,m October.)
Noveen ter voorbereiding voor het feest
van Allerzielen........313
(Zij begint den 24stlt;!n October.)
Noveen ter eere van den H. Stanislaus
Kostka...........324
(Zij begint den 4'ien November.)
Noveen ter eere van de II. Barbara. . 339 (Zij begint den 25SUn November)
Noveen om zich voor te bereiden op het feest der Onbevlekte Ontvangenis. 348 (Zij begint den 29sten November.)
Noveen tot voorbereiding voor het
H. Kerstfeest.........357
(Zij begint den -16den December.)
1
1
â . --f â
- t
I