3ÃbJXgt;0CZ3©£^sid®ti
oSngekc^tige ^lrijt»
OF
KOOPiiD
VAN DEN
E. Tlwas vaa kmti
TAR
176
BREDA,
^ins-Cardinaal, D , 64 ,
-gt; quot;V-A-TsT quot;WEES,
lt;c- en Muziekdrukkerij.
RIJKSUNIVERSITEIT TE UTRECHT
2070 9899
-T*'/(/-/£
/
f
oSugcfacf^tigc ^trijb
OF
KOORID
VAN DEN
H. Tïonias ran Apinea.
BRÃOA,
de Prins-Cardinaal D, 64, EIDXJARD VAOSr WEES,
Suelpers Boek- cn Miif.iekdrukkery.
Ingeschreven in het Broederschap van den Engelachïigen Strijd, in de Kloosterkerk der Eeno. Paters Predikheer en.
18
den
Oorsprong en Instelling.
Toen de engelachtige Leeraar, de heilige Thomas, neiging toonde om den kloosterstaat te omhelzen, moest hij hevigen wederstand van den kant zijner ouders ondervinden. Deze wendden alle pogingen aan, om hem van het opgevatte voornemen af te trekken ; want zij hadden om het zeldzaam verstand, dat hij reeds in de eerste jaren zijner jeugd aan den dag legde, de hoop opgevat, dat hij eens aan zijn hoog adellijk stamhuis nieuwen en meer verheven luister zou schenken. Hij ontvluchtte het ouderlijk huis en nam het kleed van den H. Dominicus aan, in den ouderdom van 14 jaren; maar hij werd door zijne bloedverwanten vervolgd, aan de Orde ontrukt, en in het slot Rocco-Secca opgesloten.
4
Zijn roep scheen, ondanks dien wederstand , steeds meer en meer bevestigd te worden. Zijne broeders gaven nu de hoop op om zijne standvastigheid te overwinnen, doch bedachten eene vreeselijke list. Zoude hij eenmaal de lelie der zuiverheid verloren hebben, dan behoefden zij voor zijne roeping niet te vreezen. Zij brachten nu in zijnen kerker een listige en schaamtelooze vrouw. Zoodra de engelachtige Jongeling inziet, aan welk gevaar zijne onschuld wordt blootgesteld: neemt hij een oogenblik zijn toevlucht tot God en tot Maria, de Koningin der Maagden, grijpt vervolgens een brandend hout, schiet, gloeiend van heilige verontwaardiging, op de schuldige toe, en jaagt ze op de vlucht. Hjj erkent de zegepraal als een gaaf van God, maakt met het brandend hout een kruis op den muur, werpt zich neder voor dat teeken des heils, betuigt zjjnen dank aan God, die door zyne barmhartigheid hem uit zulk gevaar heeft gered, en smeekt Hem, steeds die zuiverheid, waarvan hij nu belofte doet, ongeschonden te bewaren. Daarna sluimerde hij als in eenen zachten slaap in, en geraakte in eene geestverrukking. Nu verschenan hem twee Engelen, die hem aldus aanspraken : »Wij komen van Gods »wege tot u, om u de gaaf der eeuwige »maagdelijke zuiverheid, in welke gjj thans gt;onherroepelijk door de genade bevestigd
»wordt, te schenken.quot; Dit zeggende, omgordden zij zyne lende zoo vast, met een hemelsche Koord, dat hij door de pijn tot het gebruik zijner zintuigen terug kwam.
Uit ootmoed verzweeg hij, gedurende zijn leven, deze buitengewone genade, maar den dood nabij zijnde, ontdekte hij het voorgevallene aan zynen biechtvader, Pater Reginaldo van Ptperno, kende al de eer er van aan God toe, en voegde er bij, dat hij sedert dat gelukkig oogenblik nooit meer in zich-zelven den strijd van het vleesch tegen den geest gevoeld had.
De Koord, welke de Heilige tot den dood toe om zijn lichaam droeg, werd door Pater Joannes van Vercelli, Generaal der Predikheeren, als eene onschatbare reliek, aan het klooster van Vercelli geschonken ; en na de suppressie hiervan, in de betreurenswaardige Fransche omwenteling, werd ze overgebracht naar het Klooster van Chieri in Piémont, waar lij heden nog bewaard wordt.
De Koord is van wit garen, omtrent zes Romeinsche (ruim dertien Nederlandsche) palmen lang: aan het eene uiteinde heeft zij twee kleine strikken, door welke men het ander uiteinde der Koord haalt, om ze om de lenden te gorden. Het deel, dat het lichaam omgordt, is plat en iets breeder dan een geplette stroohalm. Het overige verdeelt zich in twee vierkante
6
koordjes, waarin op gelijken afstand, vijftien knoopen liggen, dia de vijftien Mysteriën van den H. Rozenkrans, tot welken de Heilige eene zeer grooie godsvrucht had, beteekenen.
-Daar God ontelbare genablijken, bijzonder ten opzichte der zuiverheid, door de voorspraak van den H. Thomas en het aanraken dier Heilige Koord schonk, werden aan haren vorm duizende en duizende koorden, welke godvruchtige personen dan droegen , gemaakt. Pater Kamillus Quardrio, van de Societeit van Jesus, schreef, dat hij geheele boekwerken zou vullen, indien hij al de genadebewijzen, welke de geloovigen door het godvruchtig dragen der Koord van den H. Thomas ontvangen hebben, wilde optellen. De H. Aloysius van Gonzaya wekte zijne gezellen op tot het godvruchtig dragen der heilige Koord. Hetzelfde deden de H. Joseph van Culassanctius en andere Heiligen. Verscheidene Pausen bevestigden dit genootschap ter eere van den H. Thomas en van diens Koord, met den titel van Engelachtige Strijd. BenedictusXIIT stelde het feest van den Engelachtigen Strijd op den 28 Januari, waarop de H. Kerk de overbrenging des licbaams van den H. Thomas herdenkt, en hij bevestigde tevens de volgende Aflaten, reeds door Gregroruis XIII, Sixtus V, en andere Pausen vergund. Eindelijk vergunde Pius VII, den 8 Mei 1814, nog andere.
7
AFLATEN,
vergund aan de Leden van den Engelachtigen Strijd.
Vollen Aflaat. 1°. Op den dag hunner inschrijving in den Engelachtigen Strijd, mits zij, na gebiecht en gecommuniceerd te hebben, het voornemen maken, de deugd van zuiverheid, volgens hunnen staat, te bewaren.
2°. Op den 28 Januari, Feestdag van den Engelachtigen Strijd eu den 7 Maart, mits zij, nag ebiecht en gecommuniceerd te hebben de kerk, waar de Broederschap opgericht is, bezoeken, en bidden volgens de intentie van den Paus.
3°. Eens in de maand, na gebiecht en gecommuniceerd te hebben, voor hen, die dagelijks gedurende eene maand het Gebed Uitverkoken Lklie enz , bidden.
4°. In het uur des doods, aan hen, die rouwmoedig den allerheiligsten naam van Jesus, ten minste met het hart aanroepen.
Gedeeltelijke Aflaat 7 jaren en 7 q\ia-dragenen, aan allen die, na gebiecht en gecommuniceerd te hebben, de Kerk der Broederschap bezoeken, op de Feestdagen van Kerstmis (25 Dec.,) Paschen en Pinksteren , van Maria-Geboorte (8 Septemb.,) Opdracht (21 Nov.) en Hemelvaart (15 Aug.,) van Allerheiligen (1 Nov.,) van Paulas
8
Bekeering (25 Jan.,) van den H. Gregorius (12 Maart,) H. Ambrosius (7 Decemb.,) H. Augustinus (28 Aug.,) H. Hieronymus (30 Sept.,) H. Dominicus (4 Aug.,) H. Petrus Martelaar (29 April,) H. Vincentius Ferrerius (5 April,) H. Maria Magdalena (22 Juli,) en onder het octaaf der Geloovige Zielen.
Aflaat van 100 dagen. Zoo dikwijls zij het Gebed üitverkooken Lelie enz., zullen bidden.
Aflaat van 60 dagen. 1°. Voor die het H. Sacrament, terwijl het naar zieltogenden gedragen wordt, vergezellen; ol zoo zij dit niet kunnen, een Ome Vader of een Wees gegroet voor den zieke bidden.
2°. Zoo dikwijls hij eene verzoening tusschen vijanden bewerkt of eenig ander werk van barmhartigheid doet.
3°. Voor ieder godvruchtig werk, verricht volgens de instelling van den Engelachtigen Strijd, als: het bijwonen der H. Mis, van de kerkelijke Getijden, het bidden van vijftien maal het Wees gegroet ter eere der vijftien Mysteriën van den H. Rozekrans, ofwel de gebeden (gelijk hierna.)
De hoogwaarde Pater-Generaal van de orde der Eerw. Paters Predikheeren maakt eindelijk alle ingeschrevenen aan de verdiensten der orde deelachtig.
9
RAADGEVINGEN
voorgesteld aan allen, die in den Engelachtigen Strijd zijn ingeschreven.
1°. Bewaking der oogen, spoedig verdrijven der slechte gedachten, en haastig vluchten van iedere gelegenheid tot zonden. De heilige Thomas had een grooten afschrik van zonden, en was gewoon te zeggen, dat hij liever eeuwig in de hel wilde liggen, dan eene dagelijksche zonden vrijwillig te bedrijven.
2°. Niet dulden, dat men in zijne tegenwoordigheid minder kuische woorden spreke, onkuische boeken leze, of eerlooze liedjes zinge; gebeurt zulks, dan die los-bandigen berispen, hun liefde voor de zuiverheid inboezemen, hen tot godsvrucht jegens den H. Thomas opwekken, en hen aanzetten om zich in den Engelachtigen Strijd te doen inschrijven.
3°. Gebed; den allerheiligsten naam van Jesus en dien van Maria, bizonder in de bekoring, aanroepen; dikwijls het Lijden van Jesus Christus overwegen, en zoo den Heilige navolgen, die dag en nacht bet Boek van den Gekruizigden bestudeerde.
4°. Godsvrucht tot de allerheiligste Maagd Maria, welke de H. Thomas varig
10
verlangde te verbreiden. In Napels predikte hij eene geheele vasten over het Wees gegroet.
5°. De nederigheid: dezelfde H. Thomas leert, dat God menigmaal den val in zonden van onzuiverheid tot, straf der hoovaardigheid toelaat. De Heilige kreeg , door zich-zelve altijd voor God te vernederen , de gaaf der ootmoedigheid in zoo volmaakten graad, dat hij nooit den prikkel der hoovaardigheid ondervond. {Zie de bulle zijner heiligverklaring.)
6°. Dikwijls godvruchtig naderen tot de allerheiligste Sacramenten, voornamelijk tot de Biecht, aanstonds na groote zonden bedreven te hebben, en tot het heilig Sacrament des Altaars.
pODVRUCHTIGE pEBEDEN
GEBED,
hetwelk de H. Thomas van ilquiiien, nedergekoield voer het Kruis, dat hij met het brandend hout op deo muur had geteekeud, tot God opzond.
Lieve Jesus ! ik weet, dat iedere volmaakte gaaf, en die der zuiverheid nog meer dan elke andere, van den alver-
11
mogenden invloed uwer Voorzienigheid afhangt, en dat zonder ü geen schepsel iets vermag. Hierom bid ik U, door uwe genade, de zuiverheid, zoo in mijne ziel als in mijn lichaam, te bewaren. En, indien ik ooit eenigen indruk, die mijne zuiverheid en onschuld zou kunnen bevlekken, ontvangen mogt, verdrijf dien van mij, Gij, die de opperste Heer zijt van al mijne vermogens, opdat ik met een onbevlekt hart in uwe liefde en dienst moge vooruitgaan, en mij-zelve al de dagen mijns levens, op de allerzuiverste Altaren uwer Godheid, zuiver offeren. Amen.
GEBED,
tot den H. Thomas van Aquinen.
Uitverkoren Lelie van onschuld, allerzuiverste H. Thomas, Gij, die het kleed des Doopsels altijd zuiver bewaarde. Gij, die, omgord door twee Engelen, een ware Engel in het vleesch waart, ik bid U, mij aan Jesus, het onbevlekte Lam, en aan Maria, de Koningin der maagden, aan te bevelen, opdat ook ik, die de Heilige koord om mijne lenden draag, de gaaf uwer zuiverheid ontvange, en ü zoo navofge op deze aarde, dat ik met ü.
12
o groote Beschermer mijner zuiverheid! eenmaal onder de Engelen in het Paradijs gekroond worde.
Onze Vader, Wees gegroet, Glorie zij den Vader.
v. Bid voor ons, H. Thomas.
r. Opdat wij waardig worden de beloften van Christus.
GEBED.
O God, die ons in den zeer harden strijd, welken wij ter bewaring der zuiverheid moeten leveren met de heilzame Koord van den H. Thomas gewaardigd hebt te voorzien, schenk ons op onze smeekingen uwe genaden, en doe ons door uwe he-melsche hulp den onzuiveren vijand van lichaam en ziel in dezen strijd zoo gelukkig overwinnen, dat wij, met de Lelie der eeuwige zuiverheid bekroond, onder de kuische heerscharen der Engelen, van U den palm der gelukzaligheid ontvangen. Door Christus, onzen Heer. Amen.
13
GEBED TOT GOD,
om de gave der zuiverheid.
O Almachtige Vader, die, onder de bescherming van Maria, de allerzuiverste Moeder, door de bediening der Engelen de lenden van den H. Thomas zoo krachtdadig met de Koord der zuiverheid hebt omgord, dat hij van dien oogenblik af, de minste beweging van onreine liefde niet meer ontwaarde; ik bid U, geef mij, door tusschenkomst van dien onbevlekten Engelachtigen Leeraar, dat ik van alle onzuiverheid naar ziel en lichaam verdiene bevrijd te worden, opdat nooit mijne oogen iets zien, myne ooren iets hooren, of mijne tong iets spreke wat in het minst onkuisch of onzedig zij, en ik nooit toegeve aan het vleesch, dat tegen den geest opstaat, maar mij met geheel mijn verstand en geheugen zoo zeer aan ü hechte, dat ik niets verlange dan ü, niets beminne dan ü, en in niets behagen vinde dan inU. Ontvlam mijn hart door zulk een liefde en zulk een ijver, dat ik nimmer in mijne tegenwoordigheid een woord of daad gedooge, die onzuiver is, of aan de oogen uwer Majesteit kan mishagen; opdat Gij uwe gramschap afwendt, welk wij door onze zonden verdienen, en ik na dit gevaarvol en vergankelijk leven waardig zij, om ü in den hemel met zuivere oogen te aanschouwen. Amen.
14
QEBED,
wanneer men zich de eerste maal met de heilige Koord omgordt,
(welke men dag en nacht dragen moet.)
Omgord mij, Heer! met de Koord der zuiverheid, en doof, donr de verdiensten van den H, Thomas, in mij het vuur der ongeregelde begeerlijkheid uit, opdat ik de deugd der onthouding en kuischheid blijve bewaren. Amen.
De Eerw. Paters Pkedikheeren wijden deze Koord, en gebruiken daartoe
het volgende gebed ;
v. Adjutorium nostrum in nomine Domini.
r. Qui fecit coelum et terram.
v. Domine exaudi orationem meam.
r. Et clamor mens ad te veniat.
v. Dominus vobiscum.
r. Et cum Spiritu tuo.
OREMUS.
Domine Jesu Christe, Fili Dei vivi, puritatis amator et custos, obsecramus immensam clementiam tuaui, ut, sicut ministerlo Angelorum Sanctum Thomam Aquinatem Cingulo castitatis cingere et a labe corporis et animae praeservare fecisti, ita ad honorem et gloriam ejus bene f
15
dicere et sanctificare digneris Cingulum istud (indien er meer zijn : Cingula ista,) ut qnicumque ipsum (o/ipsorum quodlibet) circa renes reverenter portaverit ac tenoerit, ab omni immunditia mentis et corporis purificetur, atque in exitu suo, per manus sanctorum A.ngelorum,tibi digné praesentari mereatur. Qui cum Patre et Spiritn sancto vivis et regnas in saecula saeculorum.
r. Amen.
Hierna beproeit de Priester de Koord met wijwater.
Nota. De namen der Leden van den Engelachtigen Strijd moeten worden ingeschreven in eenig Klooster van de Orde of in eenige kerk, waar het genootschap wettig is opgericht; indien dus een Priester, die daartoe de noodige bizondere macht heeft, doch niet aan de Orde noch aan zulke Kerk verbonden is; Leden aanneemt, moet Hij de namen ter inschrijving opzenden.
16
ILIT^ISTIE
VAN DEN
II®MAS TAN AWIMEN,
Zeeraar der H. Kerk, Patroon der Zuiverheid.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelsche Vader, ontferm U onzer. God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer.
God, H. Geest, ontferm ü onzer. H. Drievuldigheid, één God, ontferm U onzer.
H. Maria, hizondere Beschermster van den
H. Thomas, bid voor ons.
H. Thomas,
Engelachtige Leeraar,
Klaarschijnend licht der H. Kerk, Beschermer van het waar geloof, Verkondiger der vaste hoop, Squot;.
Seraphyn der goddelijke liefde,
Cherubyn van wijsheid , o
Engel van zuiverheid, ^
Spiegel van ootmoed, §
Toonbeeld van gehoorzaamheid, 5°
Gids der volmaaktheid,
17
Uitlegger der goddelijke geheimen, b
voor ons.
Luister uwer H. Orde,
Die van uw 14de jaar de wereld versmaad hebt,
Die uwe doorluchtige geboorte veracht
en het Kloosterleven onhelsd hebt, Die kloekmoedig den tegenstand uwer
moeder ea zusters overwonnen hebt, Die verduldig da vervolgingen uwer broeders en vrienden verdragen hebt, Die standvastig den ingeslagen weg
voleind hebt,
Die tallooze strikken tegen uwe reindheid
ontmoet hebt,
Die, er over zegepralend, door twee Engelen met de Koord der zuiverheid omgord zijt. Die daarna de begeerlijkheid van het
vleesch nooit meer gevoeld hebt, Die daarom door de H. Kerk als beschermer der Zuiverheid erkend zyt, Die reeds in uw een-en-dertigste jaar tot leeraar in de H. Godgeleerdheid benoemd zijt,
Die van toen af de H. Kerk woüderlijk
verlicht en ondersteund hebt, Die haar door uwe schriften voor alle kettersche aanvallen gevrijwaard hebt, Die van haar met den titel van Leeraar
vereerd zijt,
Die van hare opperhoofden de uitlegger des Goddelijken wils genoemd zijt,
18
Die voor het Kruisbeeld van de waarheid, uwer leer verzekerd zijt, bid voor ons. Die de godsvrucht tot Christus in het H. Sacrament des Altaars bevorderd hebt,
Die om uwe verdiensten tot het Aartsbisdom van Napels verkozen, het ootmoedig geweigerd hebt, ££ Die voor de H. Kerk tot uwen dood ^ gearbeid hebt, o Die, zoo in uw leven als na uwe dood,-* van God door vele wonderen ver- g heerlijkt zijt, P3 Die in den Hemel, onder de leeraars als eene klaarscbijnende ster verheven zijt,
H, Thomas, verkrijg ons genade, en H. Thomas, sta ons bij, en Wees ons genadig, hoor ons. Heer!
Wees ons genadig, verhoor ons, Heer! Dat wij, door de voorspraak van den H. Thomas, standvastig in het geloot, ^ onwrikbaar in de hoop, en volmaakt ^ in de liefde worden, oquot;
Dat wij door zijne gebeden van den ° onzniveren geest bevrijd worden, o Dat wij naar zijn voorbeeld in de ver-⢠volging kloekmoedig zijn, ^
Dat wij naar zijn voorbeeld om vrienden g of maagschap de deugd niet verlaten, .1 Dat wij gedurig indachtig zijn, dat al wat in de wereld is, begeerlijkheid des
19
vleesches, begeerlijkheid der oogen en hoovaardij des levens is, verhoor ons, Heer!
Dat wij liever verkiezen met Gods vrienden versmaad te worden dan de genoegens des levens te genieten,
Dat wij ons onophoudelijk de kortheid lt; des levens en de langdurigheid der ^ eeuwigheid voorstellen, g
Dat wij het H. Sacrament des Altaars, © waarvan Hij ons de waarheid zoo S duidelijk leert, steeds waardig mogenquot; nuttigen, ®
Dat wij, naar zyn voorbeeld, de zonde® naarstig vluchten en in de deugd quot; voortgaan,
Dat wij door zijnen bijstand, na dit leven, het erfdeel van Gods kinderen erlangen ,
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der
wereld, spaar ons. Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der
wereld, verhoor ons, Heer,
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
v. Bid voor ons, H. Thomas.
r. Opdat wij waardig worden der beloften van Christus.
20
G-IEBEID.
O God, die x;we H. Kerk, door de wondervolle leering van den H. Thomas, uwen belijder en leeraar, verlicht, en door zijne heilige werken vruchtbaar gemaakt hebt, verleen ons, bidden wij U, om met ons verstand te begrijpen, wat hij geleerd heeft en wat hij gedaan heeft, door navolging te volbrengen, door Christus, onzen Heer. Araen.
IMPRIMI PERMITT1MÃS. Huissen, 28 Febr. 1892.
Fr. A. van den Elzen, O. P.
PKOVINC.
IMPRIMATUR.
Datum iu Semin. Ypelaar, hac 1G Martii 1892.
J. J. HOPSTAKEN,
lieg. Setn. Libr. Cens.