ocr page 1
ocr page 2
ocr page 3
ocr page 4
ocr page 5
ocr page 6

IMPEIMATÜE.

M. F. DE BEER, Sup. Gen. et Dec, ad hoc delegatus.

Datnin Tilburgi, 2 Januarii 1891.

Volgens Art. 25 der wet van 28 Juni 1881 (Staatsblad n0 i24) is het eigendom gewaarborgd.

ocr page 7

Vak 87

HAHDBOEKJE

VOOR

fl. L I.

IJEVATTENDE

REGELEN , GEBEDEN EN GEZANGEN.

keekelijk; goedgekexjed.

TILBURG,

Stoomdrukkerij van het R. K. Jongens-Weeshuis. 189 1.

OE

ocr page 8

Het is ongelooflijk, welk groot nut personen van allen stand uit deze zoo loffelijke en godsdienstige instelling getrokken hebben.

Benedicttjs XIV.

O, hoe zoet en aangenaam is het, broeders te zien, die zich vereenigen onder de schaduw der Onbevlekt ontvangen Maagd Maria ! Dat de Heer u zeg ene, beware en met zijne genade bijblijve !

(Door Z. II. Pius IX, «len 12 December 1866, eigenhandig gesehre-ven in het handboekje der Congregatie van O. L. v. Onbevlekte Ontvangenis, sedert 18öl bö het korps Pauselijke Zouaven opgericht.)

ocr page 9

VOORREDE.

De rede eu de ondervinding leeren overtuigend , dat de vereenigingen van godsdienstige menschen, bijzonderlijk als zij onder de bescherming der Allerheiligste Maagd Maria zijn ingesteld, zeer geschikt zijn om de godsvrucht, te bevorderen , zoowel door den bijzonderen bijstand der H. Moeder Gods , welken zij overvloedig aan hare vereerders verleent, als door de veelvuldige godsdienstige oefeningen en gebeden , welke de leden , in den naam van Christus vergaderd , verrichten , en eindelijk door de heilzame onderrichtingen, die zij ontvangen , en dooi' het wederkeerige goede voorbeeld , waardoor zij elkander ongevoelig, maar krachtdadig tot de deugd opwekken.

ocr page 10

6

Daarom heeft Z. H. Paus Gregorius XIII, die steeds met den grootsten ijver bezield ■was, om de goddelijke eer op allerlei wijzen te bevorderen; niet geaarzeld door zijnen Apostolischen brief van den 2 November 1584, de Congregatie van O. L. V., welke in 1563 te Rome door de leden van het Gezelschap van Jesus was begonnen, te bevestigen en met aflaten te begunstigen; hij heeft ook aan den Generaal of den Vicaris-Generaal van getioemd Gezelschap de macht gegeven, dusdanige Congregatiën in al hunne collegiën voor de scholieren en ook voor anderen op te richten.

Z. H. Paus Sixtus V, overtuigd van het nut dezer instelling, bekrachtigde al de verleende gunsten, en machtigde bovendien den Generaal, de Congregatie, zoowel onder den titel van Maria Boodschap, als onder eene andere aanroeping , in alle collegiën , semina-riën, kerken en huizen van het Gezelschap

ocr page 11

7

en in alle andere plaatsen aan hunne zorg toevertrouwd, op te richten en met de Hoofd-Congregatie te vereenigen.

De door zijne geleerdheid en godsvrucht beroemde Paus Benedictus XIV toonde ook op de klaarblijkelijkste wijze, hoezeer hij van het groote nut der Congregatie overtuigd was. Hij bekrachtigde en vermeerderde niet alleen de verleende gunsten, maar gaf zelfs eene bulle uit, waarin hij met veel welsprekendheid, het voordeel der Congregatie aantoont. «Het is ongelooflijk, zegt hij, welk groot nut personen van allerlei stand getrokken hebben uit deze lofwaardige en godsdienstige instelling, die over-quot;vloedig voorzien is van heilige en zalige regels, met bescheidenheid op de verschillende standen der Congreganisten toegepast, en die door den voorzichtigen ijver van de Directeurs bijzonder wordt verzorgd. Sommigen, getrouw in het bewandelen van den weg der onschuld en godsvrucht, welken zij van hunne tee-derste jaren onder de bescherming der H. Maagd waren ingetreden, hebben het geluk

ocr page 12

gehad de zuiverheid tier zeden, die aan alle christenen, maar vooral aan de kinderen van de H. Maagd betaamt, tot het schoonste voorbeeld van anderen , gedurende geheel hun leven te bewaren, en eindelijk de kroon der volharding te bekomen. Anderen , die van de jeugd af met eene tee-dere godsvrucht tot de Moeder Gods bezield , en daardoor tot een hoogen trap der goddelijke liefde verheven waren, hebben de ijdele en vergankelijke goederen en wellusten dezer wereld met eenen grooten en edelen moed verlaten, en een heiliger en veiliger staat in eene geestelijke orde omhelsd; en alzoo door de geloften aan het kruis van Jesus Christus gehecht, hebben zij de overige dagen van hun leven in het bevorderen van hunne eigene volmaaktheid en van de zaligheid van hunnen evenmensch doorgebracht.quot;

«Wij , zoo gaat hij voort, die Ons met vreugde herinneren de heilige oefeningen van deze Congregatie, die wij , als lid der Con-

ocr page 13

9

n gregatie van Maria Hemelvaart, in het Pro-fessiehuis der Sociëteit van Jesus te Rome , et met veel geestelijken troost hebben bijgele woond, eer Wij tot hoogere waardigheden jk verheven waren , oordeelen, dat het onze ti- herderlijke plicht is, deze instelling van echte e- en grondige godvruchtigheid, die de christelijke i , deugden en de zaligheid der zielen grootelijks d- bevordert, door onze Apostolische macht en de milddadigheid te begunstigen en te bevoor-en rechten ; en daarom hebben Wij al de gunsten en en gratiën , die onze Voorzaten daaraan verder leend hebben, door onzen Pauselijken brief en van den 24 April goedgekeurd , bevestigd , an uitgebreid en vermeerderd , gelijk blijkt, uit ige denzell'den brief.quot;

■an

ig- Z. H. Paus Leo XII bevestigde al de ver-

it.quot; leende gunsten, en in zijnen Apostolischen brief van den 7 Maart 18'25, breidde hij de-

net zelve uit tot alle andere collegiën, seminariën,

van kerken en huizen , ofschoon zij niet tot het on- • Gezelschap van Jesus behoorden, mits de

ocr page 14

10

Congregatie wettig opgericlit en met de Hoofd- beijv Congregatie van Rome werd vereenigd. ding

Eindelijk , Z. H. Paus Gregorius XVI, de drag uitbreiding der Congregatie willende bevor- deze deren, gaf aan onderscheidene Kerkvorsten te c de macht, om dezelve in de plaatsen hunner en Jurisdictie op te richten, met toevoeging van God al de aflaten en gunsten, welke de Pausen War er aan verleend hadden.

Wie zal, na zoovele ondubbelzinnige bewijzen van goedkeuring en aanmoediging,

gegeven door de Opperhoofden der H. Kerk zei ven, nog twijfelen aan het groote nut, dat de Congregatiën van O. L. V. kunnen voortbrengen ! Wie ziet niet, dat deze godsdienstige instelling een zeer krachtig middel is,

om de godsvrucht jegens de allerheiligste Maagd te bevorderen, en vooral de jeugd tegen de menigvuldige zielsgevaren onzer zedenbedervende tijden te behoeden!

Dat dan al degenen, die het geluk hebben leden te zijn van deze Congregatie, zich verheugen , God er voor bedanken, en zich

ocr page 15

11

fd- beijveren, om door de getrouwe onderhouding der Regelen en door een stichtend ge-

de drag, alle menschen van het groote nut

jr_ dezer lofwaardige instelling meer en meer

en te overtuigen, opdat dezelve steeds toeneme

ier en bloeie, tot bevordering van de eer van

an God en den dienst der allerheiligste Maagd

pr. Maria.

ie-

rr

ocr page 16

GOEDKEÜEING.

De hier volgende Eegelen voor de Congrega-nisten van O. L. V., hebben Wij nauwkeurig nagezien en zeer geschikt bevonden, om het doel der Congregatie te bereiken; waarom Wij dezelve goedkeuren en aan al de Congregatiën, die in de plaatsen onzer Jurisdictie reeds zijn opgericht, of in het vervolg zullen worden opgericht, ten gebruike aanbevelen.

Gegeven op den Huize Gerra onder Haaren , op den feestdagquot; van 0. L. V. Boodschap 1855.

Be Aartsbisschop van Utrecht, Apostolisch Administrator van 's-Bosch.

ocr page 17

REGELEN

CONGREGMISTEN VAN 0. L. V.

«ETEOKKEX UIT DE KEGELEN DER HOOFD-COJiGREGATIE TE ROME.

ch. Art. 1.

Patronen.

De eerste on bijzondere Patrones der Congregatie is : de Allerheiligste Maagd en Moeder Gods Maria, onder den titel van een harer «feestdagen of geheimenissen, b. v. onder den titel van hare Onbevlekte Ontvangenis, van hare Hemelvaart, enz. Elke Congregatie mag ook nog een tweeden Patroon of een tweede Patrones aannemen, b. v. den H. Aloysins, den H. Jozef, de H. Anna, enz.

ocr page 18

14,

Aet. 2.

Doel.

Het doel der Congregatie is : hare leden gevoelens van oprechte deugdzaamheid en van ware godsvrucht jegens de Allerheiligste Maagd Maria in te boezemen.

Aet. 3.

Titel der leden.

De leden dragen den sehoonen en troostvol-len naam van Kindeeen van Mahia.

Abt. 4.

' Middelen tot bereiking van het doel.

Om aan het doel der Congregatie te beantwoorden en den naam van kinderen van Maria waardig te dragen , moeten de leden zich onderscheiden , niet alleen door het dikwijls bijwonen van godsdienstige oefeningen en het veelvuldig ontvangen der HH. Sacramenten , maar voornamelijk door het vluchten van gevaarlijke gelegenheden, door het ijverig vervullen van de plichten van hunnen staat, en door oprechte liefde jegens elkander en jegens hunnen even-mensch, vooral jegens de armen en ongelnk-kigen. Zóó doende zullen zij hunne godsvrucht tot de H. Maagd niet enkel doen bestaan in gevoelens van eerbied en liefde, en in eenige

ocr page 19

15

uitwendige oefeningen van godsvrucht te barer eer, maar zij zullen, gelijk ware kinderen, de deugden van hunne H. Moeder navolgen.

Art. 5.

Bestuur der Congregatie.

Het bestuur der Congregatie is samengesteld uit de volgende personen :

Een Eerwaarden Heer Directeur; een Prefect; twee Assistenten, en een Raad, welke bestaat uit één Secretaris en zes tot twaalf leden, daaronder begrepen den Prefect en de twee Assistenten.

Bovendien zal men, in zooverre dit noodig is, nog benoemen één Schatbewaarder, één Sacristaan, één Portier, één Voorlezer en eenige Zangers. {1)

Aet. 6.

Directeur der Congregatie.

De Eerw. Heer Pastoor der Parochie is rechtens Directeur of Bestuurder der Congregatie , tenzij de Hoogeerwaarde Kerkoverste

1

Voor df Congregatif ran vrouwspersonen leest men; frc-ftrtt, SeiTetari'Sse, .schatbewiarster, Sacristane ot Kosteres, Portierster 1 yourltztres, Zangeies.

ocr page 20

9

16

van. liet Diocees het anders mocht bepalen.

Het staat den Eerw. Heer Directeur vrij , een ten

ander met zijne bediening geheel of gedeelte- en '

lijk te belasten. hen

Diegene, welke aldus de plaats van den gevlt; Eerw. Heer Directeur bekleedt , zorge , niets te

doen, wat met de inzichten of met het verlan- 8taa

gen van den Eerw. Heer Directeur strijdig is. ^el

Zonder voorkennis en goedkeuring van den zal

Eerw. Heer Directeur, zal men nimmer iets ^en veranderen, invoeren of verrichten, dat van 6.

eenig gewicht is. zal

lede

Abt. 7. zal

Prefect der Congregatie. 8tarl

gesc

De Prefect moet, als hoofd der Congregatie, veri

met een waren ijver voor de belangen der vaai

geheele Congregatie in het algemeen en van al i

eiken Congreganist in het bijzonder bezield indi

zijn, en hen allen door zijn godvruchtig ge- of ;

drag trachten te stichten. Hij zal dus : het

1. Zonder wezenlijk beletsel, nimmer ver- Saci zuimen de vergadering bij te wonen. 7.

2. Hij zorge, dat hij altijd tijdig bij dezelve van tegenwoordig zij. nis

3. Ingeval hij werkelijk verhinderd is , moet in 1 hij hiervan bijtijds kennis geven aan den eer- ged sten Assistent, opdat deze in de vergadering of é zijne plaats bekleedde.

ocr page 21

17

ilen- 4. Hij zal over het gedrag der Congreganis-een ten , zooveel als in zijn vermogen is, waken , ;lte- en wanneer hij ziet of hoort, dat iemand onder hen zich slecht gedraagt, zal hij hiervan kennis den geven aan den Eerw. Heer Directeur. s te ö. Hij zal niet dan om gegronde redenen toe-lan- «taan, dat men van de Vergadering afwezig zij. t ig- Diegenen, die zonder verlof afwezig lilijven, deH zal hij telkens aan den Eerw. Heer Directeur ie|s kenbasr maken.

yall 6. Als iemand der Congreganisten ziek wordt,

zal de Prefect zorgen, dat de zieke door de leden der Congregatie bezocht worde; hiertoe zal hij diegenen kiezen, welke , volgens de omstandigheden van plaats en personen , het best geschikt zijn, om den zieke te stichten en te tie, vertroosten. Indien dè ziekte toeneemt en ge-der vaarlijk wordt, zal hij hem in de gebeden van van al de Congreganisten aanbevelen , en zorgen, ield indien dit noodig zoude zijn , dat de zieke zelt ge- of zijn biechtvader worde bekend gemaakt met het gevaar der ziekte , ten einde hij tijdig de H. ver- Sacramenten der stervenden kunne ontvangen.

7. Indien de zieke sterft, zal de Prefect hier-;lve van aan al de leden, zoo spoedig mogelijk, kennis geven, opdat zij den overledene dagelijks toet in hunne gebeden gedenken en wel bepaaldelijk eer- gedurende acht dagen den Psalm Be Profundi» •ing of één Onze Vader en één Wees gegroet bidden en c 2

ocr page 22

18

éénmaal de H. CommDnie opdragen tot lafenis zijner ziel. — Hij zal hen ook uitnoodigen en verzoeken , om , indien zij niet belet zijn , den lijkdienst en de begrafenis bij te wonen. De Prefect zal ook zorg dragen , dat er op kosten der Congregatie ten minste ééne Mis tot lafenis der ziel van den overledene worde gelezen.

8. Alle drie maanden zal hij de rekening van den Schatbewaarder, in het bijzijn van de twee Assistenten en van den Secretaris, nazien, en daarna aan den Eorw. Heer Directeur doen weten, in welken staat hij dezelve bevonden heeft; hij zal niet toelaten , dat men eenige uitgaven doe zonder zijne goedkeuring.

9. Hij zal nauwkeurig onderzoek doen naar het gedrag en de hoedanigheden van degenen , die zich bij hem aanbie'den , om in de Congregatie te worden aangenomen; daarna zal hij hen bij de eerste vergadering aan den Raad voorstellen. Wordt er nu in den Baad met meerderheid van stemmen besloten, hen aan te nemen, dan zal de Prefect hiervan kennis geven aan den Eerw. Heer Directeur, en met dezes goedvinden hen als Aspiranten in de Congregatie opnemen.

10. Hij zal, of zelf, of door een der Assistenten , of door iemand der Raadsleden, die daartoe het best geschikt is, de Aspiranten onderrichten aangaande de Regelen, oefenin-

ocr page 23

19

nis gen en plichten der Congregatie; hij zal ook en niet verzuimen , den Eerw. Heer Directeur te len doen kennen, hoe de Aspiranten zich gedragen. De vooral als de tijd daar is, dat zij hunne plechten tige opdracht of toewijding aan de allerheiligste ife- Maagd kunnen doen.

en. 11. Bij het aanvaarden en bij het nederleg-

ing gen van zijne bediening, zal hij met den Se-

de eretaris den inventaris van al de tot de Con-

en, gregatie behoorende troederen en de algemeene

)en rekening van ontvangsten en uitgaven teekenen,

len opdat alles in goede orde aan zijne opvolgers

ige worde overgeleverd.

Abt. 8.

Assistenten.

De Assistenten staan, ofschoon ondergeschikt aan den Prefect, met hem aan het hoofd der Congregatie. In het algemeen is het hnn plicht, den Prefect in zijne bediening behulpzaam te zijn, het ware belang der Congregatie zooveel mogelijk te bevorderen, en de Congreganisten door een goed voorbeeld te stichten. Hunne plichten in het bijzonder zijn de volgende :

1. Zij zullen waken over het gedrag der Congreganisten, vooral der Aspiranten, en van

ocr page 24

20

hunne bijzondere overtredingen of misslagen aan den Prefect kennis geven.

2. Zij zullen de A.8piranten onderrichten aangaande de Kegelen , oefeningen en plichten der Congregatie, als zij hiermede door den Prefect belast zijn.

3. Bij afwezigheid of verhindering van den Prefect, bekleedt de eerste Assistent, en bij afwezigheid of verhindering van dezen, de tweede Assistent, deszelfs plaats.

4. Zij moeten tegenwoordig zijn, als de Schatbewaarder zijne driemaandelijksche rekening doet, en na elke nieuwe keuze, als de Prefe'-t en de Secretaris den inventaris der Congregatie en de rekening van ontvangsten en uitgaven onderteekenen.

Aet. 9.

Secretaris.

De Secretaris, die altijd lid van den Eaad moet zijn , heeft vooreerst al de verplichtingen, welke de Raadsleden hebben (Zie art. 10); doch bovendien moet hij :

1. Zorgen voor al het schrijfwerk, dat er in de Congregatie voorkomt: hij moet dus drie boeken hebben. Het eerste bevat de naamlijst van al de Congreganisten, waarin aangeteekend zijn hun naam, voornaam, ouderdom, bedrijf, alsmede de dag hunner aanneming en opdracht.'

.

ocr page 25

21

Het tweede bevat de beslissingen van den Raad , die van eenig gewicht zijn : hij zal nochtans deze beslissingen niet inschrijven , alvorens het opstel van hetgeen moet worden ingeschreven , door den Eerw. Heer Directeur en door den Eaad is goedgekeurd. Het derde bevat de verkiezingen , de overledene Congreganisten, de weldoeners, en degenen , die de Congregatie hebben verlaten of uit dezelve zijn weggezonden, zonder nochtans de oorzaak van het verlaten der Congregatie of van hunne wegzending uit dezelve er bij te voegen. — Deze boeken moet hij onder slot bewaren , en derzelver inzage aan niemand, behalve aan de Raadsleden, veroorloven.

2. Moet hij eene alphabetische lijst opmaken van al de Congreganisten , welke , als het gevoeglijk kan geschieden , in de kapel of bidplaats zal worden opuehamjen.

3. Als de Schatbewaarder zijner driemaande-lijksche rekening doet, is hij daarhij tegen woor-dig; ook onderteekent hij met den Prefect den inventaris en de algemeene rekening van ontvangsten en uitgaven.

Aet. 10.

Raadsleden.

De Raadsleden maken ook deel uit van het Bestuur der Congregatie, en moeten derhalve

ocr page 26

22

ook met eeneu bijzonderen ijver de belangen der Congregatie bebaitigen; zij zullen dus:

1. Altijd tijdig bij de vergaderingen , hetzij van de Congregatie, hetzij van den Raad , tegen-vroordig wezen, en in geval van wezenlijk beletsel, hiervan vooraf aan den Prefect kennis geven.

2. In den Eaad zullen zij met weinige woorden , vrijmoedig, doch met veel omzichtigheid en zedigheid, hun gevoelen zeggen aangaande de voorstellen, welke door den Eerw. Heer Directeur of door den Prefect gedaan worden.

3. Zij mogen ook voorstellen doen in den Eaad; maar het is raadzaam, dat zij van hetgeen zij willen voorstellen, eerst aan den Eerw. Heer Directeur kennis geven, zooals in Art. 16 gezegd wordt.

4. Indien zij weten , dat iemand der Congre-ganisten merkelijke misslagen begaat, vooral als de Prefect dien persoon bijzonder aan hunne zorg had aanbevolen , dan moeten zij hiervan kennis geven aan den Eerw. Heer Directeur, of aan den Prefect, en getrouwelijk volbrengen, wat dezen hun dienaangaande zullen opleggen.

Aet. II.

Schatbewaarder.

De Schatbewaarder zal:

1. Boekhouden van de ontvangsten en uit-

ocr page 27

23

;en craven, en alle drie maanden rekening doen aan den Prefect, in het bijzijn van de Assistenten tzij en van den Secretaris.

en- 2. Hij zal alles bezorgen wat voor den dienst

let- der Consreiiatie noodig is, maar niets doen en. zonder goedkeuring van den Prefect, or- 3. Voor elke kiezing zal hij zijne rekening

eid sluiten om behoorlijk goedgekeurd en onder-ide teekend te kunnen worden. (Zie art. 7. Nquot; 8.) eer

Bn- Aet. 12.

len %

'an Sacristaan.

lea

in De Sacristaan of Koster moet nauwkeurig

zorg dragen voor de kapel of bidplaats en voor re- al de voorwerpen, welke tot dezelve behooren; ral hij moet dus zorgen, dat de kaarsen op tijd ine worden aangestoken en uitgedaan, dat alles an zindelijk bewaard blijve, dat de sieraden ba-of hoorlijk volgens de plechtigheden gebruikt wor-m, den. Hij zal ook eene lijst opmaken van al en. de meubelen en sieraden , welke het eigendom der Congregatie zijn ; deze lijst zal hij bij elke nieuwe verkiezing den Prefect aanbieden, om onderzocht en onderteekend te worden.

Hij is in al zijne bedieningen geheel ondergeschikt aan den Prefect, zoodat hij b. v. in het plaatsen van meubelen en van kaarsen , in lit- het gebruik en herstellen van sieraden, enz.

ocr page 28

24

den Prefect moet raadplegen, en in alles naar diens goedvinden moet handelen.

Aet. 13.

Portier.

De Portier moet zorgen, dat de deur der kapel of bidplaats op den bepaalden tijd geopend en gesloten worde, en dat niemand zonder verlof van den Eerw. Heer Directeur de vergadering bijwone.

Overigens zal hij al de andere bedieningen . waarmede de Eerw. Heer Directeur goed zal vinden hem te belasten , nauwkeurig vervullen.

Ook zal hij de afwezige leden bij elke vergadering aanteekenen, en na het einde derzelve hunne namen aan den Prefect opgeven.

Kota. In die plaatsen, waar men de vergaderingen houdt in eene kerk of in eene kapel van een klooster of liefdadig gesticht, zullen de Koster en de Portier geene andfre hedieningeu verrichten, da» die welke hun bepaaldelijk door den Eerw. lieer Directeur worden aangewezen.

Aet. 14.

Voorlezer.

De Voorlezer zal, wanneer er geene onderrichting door den Eerw. Heer Directeur ol

ocr page 29

25

iemand door hem gelast, gegeven wordt , het aangewezen punt in een geestelijk boek zóó langzaam en duidelijk voorlezen , dat hij door allen , die er tegenwoordig zijn , gemakkelijk kan worden verstaan. Over welke stof en hoelang hij moet lezen , zal door den Eerw. Heer Directeur, of bij onvoorziene gevallen, door den Prefect bepaald worden.

Akt. 15.

De Zangers.

De Zangers, die gekozen zijn, om in de Congregatie den lof van hunne H Moeder Maria te zingen , gelijk de Engelen en Uitverkorenen in den Hemel doen, moeten er zich op toeleggen om goed te zingen, en in hunnen zang, in hnn gelaat en in geheel hunne houding eene ware godsvrucht en zedigheid doen uitschijnen ; daarom zullen zij van tijd tot tijd bij elkander komen , om zich te oefenen , onder het bestuur van den Voorzanger , die daartoe aangesteld is, en zonder uitdrukkelijk verlof van den Prefect nimmer afwezig blijven.

Men zal geen gezangen zingen, dan dezulke, welke statig zijn en tot godsvrucht opwekken.

De Voorzanger is in alles, wat zijne bediening betreft, ondergeschikt aan den Prefect, aan wien hij dus van alles , wat hij aangaande den zang verordent, rekening moet geven.

ocr page 30

26

Abt. 16 Raadsvergadering.

De Kaadavergadering zal gewoonlijk eens per maand plaats hebben , om te handelen over de belangen der Congregatie.

De Raadsvergadering wordt door den Eerw. Heer Directeur, en bij deszelfs afwezigheid, door den Prefect voorgezeten.

Al de leden van den Raad zullen zooveel mogelijk trachten bij dezelve tegenwoordig ta zijn. Zij zullen al hetgeen in den Raad verhandeld wordt, zorgvuldig geheim honden

Nadat men eerbiedig het Feiii Sane te Spiritu», enz. gebeden heeft, wordt het verhandelde der voorgaande zitting, door den Secretaris opae-steld, voorgelezen, en aan de goedkeurins; van den Raad onderworpen. Daarop gaat men over tot de behandeling van nieuwe punten , waarop ieder lid van den Raad in weinige woorden, met omzichtigheid en zedigheid , doch met vrijmoedigheid , zijn gevoelen zegt.

Zijn er de meeste stemmen v6or, dan wordt het voorstel aangenomen; zijn er evenveel stemmen vóór als tegen, dan kan de Eerw. Heer Directeur, (indien hij zulks goedvindt), de beslissing geven. Om de voorgestelde punten rijpelijk te kunnen onderzoeken, is het zeer raadzaam, dat de Prefect of eenig ander raads-

ocr page 31

27

lid van dezelve eerst kennis geve aan den. Eerw. Heer Directeur; als dit niet geschied is, zal de Raad in deze zitting geen besluit nemen, tenzij de Eerw. Heer Directeur het uitstel noodeloos oordeelde.

Men sluit de Vergadering met het gebed: Sub luum praesidium, etc. Onder uwe bescherming , enz.

De besluiten van den Eaad zijn niet geldig, indien er niet drie vierde gedeelte van de leden tegenwoordig zijn.

Eene langdurige afwezigheid van den Prefect , van de Assistenten of van eenig ander Raadslid, is een wettige reden, om een ander in hunne plaats te doen verkiezen. De Eerw. Heer Directeur zal beslissen, of men tot deze kiezing zal overgaan.

Aet. 17.

Verkiezing van het Beslnnr.

1. De kiezing zal jaarlijks plaats hebben.

De Prefect mag zonder reden geene twee achtereenvolgende jaren herkozen worden; doch hij kan altijd tot een ander ambt benoemd worden. De Raad zal beslissen , of er genoegzame reden bestaat, om den Prefect meerjaren te herkiezen, doch in dit geval wordt vereischt, dat die Prefect (die in dit geval niet medestemt)

ocr page 32

28

drie vierde der stemmen bebbe , eu als hij die meerderheid heeft, zal hij met nog twee andere candidaten , die de Eaad gekozen heeft, aan geheel de Congregatie ter stemming voorgesteld ■worden, en bij de volstrekte meerderheid der stemmen , tot Prefect gekozen zijn.

2. De kiezing geschiedt op de volgende wijze:

Nadat de Prefect, de Assistenten en de overige leden van den Eaad verzameld zijn, en na de verlichting van den H. Geest afgesmeekt te hebben, schrijft ieder op een briefje drie namen der Congreganisten , welke hij voor God de waardigste en geschiktste oordeelt, om het ambt van Prefect te bekleeden. De Eerw. fleer Directeur opent de briefjes in het bijwezen van geheel den Eaad en de Secretaris teekent de benoemden aan, alsook hoeveel stemmen ieder der benoemden bekomen heeft.

3. De drie namen , die in den Eaad de vol-strekste meerderheid van stemmen bekomen hebben , worden daarna aan de geheele Congregatie kenbaar gemaakt. Men legt die voor het beeld van Maria boven drie doosjes, op zoodanige wijze , dat de kiezer de daarop geschreven namen goed kunne lezen; elkCongreganist (1) ontvangt een balletje, of eene boon, en gaat, volgens

1

Door Consioganist verstaat men hier alleen hem , die reeds zijn opdnichl gedaan herft.

ocr page 33

1

29

de oproeping van den Secretaris, dezelve neder-leggen in een van deze drie doosjes. Wanneer alles geëindigd is, telt de Eerw. Heer Directeur in het bijzijn van den Raad , de stemmen op , en hij , die de meerderheid heeft bekomen, wordt Prefect benoemd.

4. Om de keuze der twee Assistenten te doen, voegt men bij de twee namen, die overgebleven zijn, nog twee andere namen, welke door den Eaad gekozen worden, op dezelfde wijze als boven bij N» 2 is voorgeschreven. Mea kondigt de vier namen voor geheel de Congregatie af, en men plaatst dezelve boven vier doosjes voor het beeld van Maria; elke Con-greganist ontvangt twee balletjes en gaat die nederleggen in twee van de vier doosjes. De Eerw. Heer Directeur, in het bijzijn van den Raad, telt de stemmen op, en zij, die de meerderheid hebbeu bekomen , worden tot Assistenten benoemd.

De twee Congreganisten, die geene stemmen genoeg gehad hebben , om tot Assistenten benoemd te worden, zijn rechtens leden van den Raad. Nadat de kiezing van deze bijzondere ambtenaren aldus geschied is, leest men het Te Deunt, of zingt een danklied, en de Vergadering wordt geëindigd volgens gewoonte.

5. De overige leden van den Raad kunnen op twee verschillende wijzen gekozen worden,

ocr page 34

30

namelijk : door den Eerw. Heer Directeur, met den nieawgekozen Prefect, de twee nieuwe Assistenten en de twee Raadsleden, (welke alsdan op een ander oogenblik te zamen kunnen komen om deze keuze te doen), of wel onmiddellijk door geheel de Congregatie. In dit laatste geval, schrijft iedere Congreganist op een briefje zooveel namen als er leden van den Eaad te kiezen zijn, en legt dit briefje voor het beeld van Maria neder. Deze briefjes worden dan door den Eerw. Heer Directeur geopend , in de tegenwoordigheid der vijf eerst-gekozen ambtenaren, en de meerderheid van stemmen beslist, welke de leden van den Haad zijn, die er nog ontbreken. —• Men bedient zich van de eerste wijze in die plaatsen, waar de leden der Congregatie elkander niet genoegzaam kennen

6. De Eerw. Heer Directeur met den Prefect en de twee Assistenten kiezen de andere ambtenaren , te weten: den Secretaris, den Schatbewaarder , den Sacristaan of Koster, enz. Dezen allen, behalve de Secretaris, die eerst als Raadslid moet gekozen zijn , mogen onverschillig in of buiten den Eaad gekozen worden.

7. De geheele kiezing wordt daarna of in de volgende Vergadering afgekondigd; en de nieuw gekozen overheid neemt bezit van hare plaats en treedt in bediening.

ocr page 35

31

Abt. 18.

Aanneming tot. lid der Congregatie.

De aanneming in de Congregatie geschiedt als volgt:

Al wie in de Congregatie verlangt aangenomen te worden, moet zich bij den Prefect aanbieden.

Indien de Prefect met zijn gedrag en zijnen toestand niet bekend ia , moet hij Ca) een nauwkeurig onderzoek daarnaar doen ; (b) hem aan al de leden van den Eaad voorstellen, ten einde hun gevoelen te kennen; (c) als hij de meerderheid van stemmen van den Raad bekomt, hem aan den Eerw. Heer Directeur voorstellen;

(d) indien de Eerw. Heer Directeur het goedvindt , laat de Prefect hem weten , dat hij is aangenomen en schrijft hem als Aspirant op;

(e) in de volgende Vergadering geeft hij aan al de leden der Congregatie kennis van zijne opneming als Aspirant; (f) de Prefect zorge, dat hij wegens de Regelen, oefeningen en plichten der Congregatie behoorlijk worde onderricht. (g) Nadat de proeftijd , welke ten minste drie maanden moet duren, zal zijn geëindigd, en nadat de Raad beslist, en de Eerw. Heer Directeur goedgekeurd zal hebben, dat de Aspirant als lid der Congregatie worde opgenomen, zal de Prefect in de volgende Vergadering aan al de tegenwoordig zijnde Congreganisten kennis geven van dit besluit.

ocr page 36

32

Aet. 19.

De Opilracht.

De opdracht geschiedt op de volgende wijze :

1. Men zingt of bidt den lofzang: Veni Creator, als naar gewoonte. Gedurende dezen lofzang znllen alle tegenwoordig zijnde leden, en vooral zij , die het geluk hebben hunne opdracht te doen, den H. Geest vurig bidden, dat zij , door Hem verlicht, met eene oprechte godsvracht jegens de H. Maagd mogen worden bezield, en zich gansch aan haren dienst mogen toewijden.

2. Na het bidden of zingen van den lofzang : Veni Creator, en nadat al de gewone gebeden verricht zijn, knielt de Aspirant neder voor het beeld van O. L. V., aan welks rechterkant zich de Eerw. fleer Directeur, en aan welk» linkerkant zich de Prefect bevindt.

3. Hij ontvangt eene waskaars in de hand en spreekt alzoo neergeknield de volgende opdracht of toewijding langzaam en met eene duidelijke stem uit:

Heilige Maria, Moeder Gods en Maagd, — ik N.... verkies u heden mor mijne Moeder, — mijne Beschermster en mijne Voorspreekster: — ik neem vast ooor, u «ooit te verlaten, — nooit iets tegen uwe eer te zeggen of te doen, noch te ge-

ocr page 37

33

doogen., dat iets door mijne onderdanen daartegen gedaan worde. — Ik smeek u dan, ontvang mij voor uwen eeuwigen dienaar; — sta mij in al mijne werken bij, — en verlaat mij niet in het uur van mijnen dood. — Amen. (*)

4. Zoodra hij zijne opdracht gedaan heeft, zegt de Prefect, rechtstaande, met eene klare stem :

„ Tot meerdere eer en glorie van God, tot bevordering van den dienst der allerheiligste Maagd en Moeder Gods Maria, tot geestelijk welzijn en voorspoed van onze Congregatie, wordt (worden NN....) aangenomen onder

het getal der kinderen van Maria, in de Congregatie der jongelingen, (jonge dochters) ingesteld te.... onder den titel van.... en wordt (wjrden) deelachtig gemaakt aan al de gena-doi, voorrechten en gunsten, welke de Apos-tdische Stoel aan de Roomsche Hoofd-Congre-gitie vergund heeft.quot;

Indien er velen zijn, die hunne opdracht doen, can behoeft de Prefect deze woorden slechts «ns te zeggen, te weten, nadat allen hunne )pdracht hebben uitgesproken; bij de woorden,

D. H. Joannes Z wij son , \artsbisscbnp van Utrecht. Apostolisch Administrator van 's-Bosch, heeft goedgunstig verleend ren aflaat van 40 dagen aan al zijne onderhoorigen . zoo dikwijls z(j , leden der Congregatie zijnde. dit sewone formulior van opdracht godvruchtig en aandachtig zullen bilden.

C 3

ocr page 38

34

worden NN...., noemt hij alsdan de namen van degenen , die hunne opdracht hebben gedaan.

5. De Eerw. Heer Directeur neemt de waskaars uit de handen van den nieuwen Congre-ganist en hangt hem het gewijde kruis of de gewijde medalje der Congregatie om, zeggende :

Accipe signum Congregationis, ad corporis et anima defensionem, ut divines bonitatis gratia, et ope MuTur. Matris tua, teternam beatitudinem consequi ïïierearis. In nomine Patris, et Filii, et Spiritus Sancti. Amen. (*)

6. Hierna doet de Eerw. .Heer Directeur zijne gewone onderrichting of houdt eene korte toespraak, in welke hij degenen, die hume opdracht hebben gedaan , en tevens al de Ccn-greganisten, tot ware en standvastige godsvrucit jegens de H. Maagd opwekt.

7. Al de Congreganisten zullen deze opdracht elk jaar op den titelfeestdag hunner Congregate gezamenlijk plechtig hernieuwen ; dit geschied, op de volgende wijze ;

Ontvans kenmerk lt;ler Oingrrgaiir . tol btschormins: vwm lirliaam en ziel, op.lal gy . .l-or de soimlo van •Jegoldclijke^cl-lieid en door den bijstand van Maria, uw Moeder dc mmUf gclukziiligheid mogel bekomen. In dm naam ui-s \aders, en afgt; Zoons , en des Heiligen Geesles. Amen.

ocr page 39

35

De Prefect, houdende eene waskaars in de hand , knielt eerbiedig voor het beeld der H. Maagd neder; al de andere leden plaatsen zich rondom hem op hnnne knieën, en herhalen telkens gezamenlijk met Inider stemme dat gedeelte der opdracht, hetwelk de Prefect op ee-nen langzamen en dnidelijken toon heeft voorgezegd.

8. Op den feestdag van den tweeden Patroon der Congregatie , of op den Zondag onder het octaaf, kan men op dezelfde wijze als hiervoren gezegd is, zijne opdracht aan dezen Heilige doen met de volgende woorden ;

Heilige N., machtige voorspreker bij God, — ik iV., verkies u heden mor geheel mijn leven , ■— voor eenen hijzond,eren Patroon, Geleider en Bestuurder van mijne ziel en mijn lichaam , — van mijne gedaeh-( ten, woorden en werken, — van mijne verlangens en genegenheden, van mijne eer en goederen, — van mijn leven en mijnen dood. — Tk neem vastelijk voor, uwen heiligen naam te verheffen en uwe eer te bevorderen , — zooveel het mij mogelijk zal zijn. — Ik bid u dan vurig, ontvang mij voor uwen eeuwigen dienaar;— help mij in al mijne werken en verlaat mij niet in het uur van mijnen dood. — Amen.

ocr page 40

36

Art. 20.

AJgemeene Vergadering

De Vergadering voor al de Congreganisten zal gewoonlijk plaats hebben om de acht of ten minste om de veertien dagen. Bovendien zal het buitengewone vergadering zijn op de feestdagen der H. Maagd , die als Zondag gevierd worden; op het feest van den tweeden Patroon der Congregatie, of op den Zondag onder het octaaf, en zoo dikwijls de Eerw. Heer Directeur het in bijzondere omstandigheden nuttig zal oordeelen.

De Vergadering zal in gewone omstandigheden ongeveer één uur duren. Men begint dezelve met den Lofzang van den H. Geest Veni Creator, deszelfs Antiphone, vers en gebed , waarna de Antiphone , vers en gebed ter eere van Maria, volgens den tijd des jaars, gezongen of gebeden worden. Dan volgt het gebed, waarin men de meening maakt, met welke men de gebeden en oefeningen gaat verrichten; — de Litanie van Lorette of van de Kinderen van Maria; Litanie of gebed tot den tweeden Patroon; vijf Onze Vader en Wees gegroet om den aflaat te verdienen , en verder nog andere gebeden , als er nog tijd over is en de Prefect het goedvindt, b. v. 10 Wees gegroet ter eere van de 10 deugden van Maria, enz.

ocr page 41

Na deze gebeden geschiedt de onderrichting of geestelijke lezing.

Men sluit de Vergadering met één of meer gezangen.

In de laatste Vergadering van elke maand geschiedt op het einde de nitdeeling der in aan d-briefjes.

Dit maandbriefje wijst aan , welken bijzonderen Patroon men, gedurende die maand , in al zijne noodwendigheden bijzonderlijk moet aanroepen ; het geeft ook eene grondspreuk tot overdenking, eene deugd tot beoefening, en eindelijk één of meer personen, die men bijzonder in zijne gebeden aan God zal aanbevelen.

Art. 21.

De plichten van eiken Congreganist.

1. Daar elk Congreganist zich op eene bijzondere wijze aan den dienst van Maria toewijdt; daar een ieder, bij zijne opdracht, voor haar beeld neergeknield , de H. Maagd Maria plechtig tot zijne Moeder, Beschermster en Voorspreekster verkiest, en daarbij het vaste besluit maakt haar nooit te zullen verlaten , nooit iets tegen hare eer te zullen doen of zeggen , noch te gedoogen , dat er door zijne onderdanen iets tegen gedaan worde; daar elk Congreganist dus in waarheid dienaar en kind van Maria is, zoo

ocr page 42

38

is het ook billijk, dat zij eene groote godsvrucht tot de allerheiligste Maagd hebben , dat zij elkander dikwijls tot hare liefde en vereering opwekken , en in elkanders harten een vurig verlangen trachten te ontsteken , om haren allerheiligsten Naam steeds te verheerlijken.

2. Zij zullen niet alleen aan den Eerw. Heer Directeur, maar ook aan den Prefect en aan allen , die in bediening boven hen gesteld zijn , den verschnldigden eerbied bewijzen , nimmer met minachting van hen spreken, en hun in alles stipt en met liefde gehoorzamen.

3. Alvorens hunne opdracht te doen , zullen zij , met goedvinden van den Biechtvader, eene generale biecht spreken van geheel hun leven, of van den tijd af, dat zij deze godaanhebben. Wanneer zij hunne opdracht gedaan hebben, zullen zij ten minste elke maand eens tot de HH. Sacramenten naderen. De Prefect, de Assistenten, de Secretaris en de overige leden van den Eaad zullen ten minste alle veertien dagen de HH. Sacramenten ontvangen, altijd met goedvinden van den Biechtvader.

4. Zij zullen de Vergadering nauwkeurig bijwonen ; ingeval zij werkelijk verhinderd zijn, zullen zij hiervan tijdig aan den Prefect kennis geven, met opgave van de reden , die hen belet. Indien iemand dit mocht verzuimen , of zonder verlof naliet de Vergadering bij te wo-

ocr page 43

39

nen, zal de Prefect hiervan onmiddellijk aan den Eerw. Heer Directeur kennis geven,

5. Zij zullen de geestelijke oefeningen , welke in de Vergadering plaats hebben , namelijk : de gezangen, do onderrichting, de lezing en de gebeden, niet uit gewoonte, maar met ware godsvrucht bijwonen , met het oprecht inzicht om Maria , hunne heilige Moeder , te vereeren , en met het oprecht verlangen om derzelver overvloedige vruchten te genieten en aan de aflaten , die er aan verbonden zijn, deelachtig te worden,

6. Zonder uitdrukkelijk verlof van den Eerw. Heer Directeur, zullen zij niemand, die niet tot de Congregatie behoort, in de Vergadering brengen.

7. Zij zullen dagelijks des morgens, na God bedankt te hebben voor alle weldaden, zoo algemeene als bijzondere, welke zij van zijne oneindige goedheid hebben ontvangen , driemaal het Onze Vader en Wees yeyroet bidden , ter eere van de Allerheiligste Drievuldigheid, eens de twaalf artikelen des geloofs en het Saloe Regina. — Des aoonds zullen zij hun geweten onderzoeken en daarna bidden driemaal het Ome Vader en het Wees gegroet ter eere van de Allerheiligste Drievuldigheid en eens den psalm Be profundis; Uit de diepte, enz. tot lafenis der geloovige zielen.

ocr page 44

■10

8. Als een der leden van de Congregatie merkelijk ziek is, zullen alle leden voor hem bidden. Komt de zieke te overlijden , dan zullen zij allen , zoo veel mogelijk, zijnen lijkdienst bijwonen , en waar het de gewoonte is , dat de Congreganisten het lijk naar de begraafplaats dragen of ten minste vergezellen , zullen zij dit voorbeeld van Christelijke liefde niet nalaten. Bovendien zullen zij voor hem gedurende acht dagen den psalm Üe profundis of één Onze Vader en Wees gegroet bidden en eenmaal de H, Communie opdragen.

9. Als kinderen van de allerheiligste en allerzuiverste Maagd Maria, zullen zij zorgvuldig alles vlijuhten, wat hen in gevaar van zonde kan brengen, en alles vermijden , waardoor zij aan anderen ontstichting zouden kunnen geven.

Hierom zullen zij alle verboden e en gevaarlijke gezelschappen en gelegenheden , den omgang met slechte en gevaarlijke personen, ook de minste onzedigheid in kleederen of gebaren , en eindelijk alle oneenigheid, allen twist en tweedracht onder elkander of met andere personen zorgvuldig vermijden.

10. Zij moeten niet alleen geene ontstichting geven, maar door hun gedrag anderen tot stichting dienen, en hen tot godsvrucht opwekken. Hierom znllen zij den Zondag en de Feestdagen heiligen door het bijwonen der heilige

ocr page 45

41

diensten , door het doen van den kruisweg en andere oefeningen van godsvrucht; zij zullen ook op de werkdagen, als zij door hunne bezigheden niet belet zijn, de H. Mis bijwonen; eiken dag ten minste een rozenhoedje bidden, ten minste een kwartier meditatie en eene kleine geestelijke lezing doen. Zij zullen zich ook zooveel mogelijk beijveren, om werken van barmhartigheid te verrichten , door dagelijks, vooral bij de H. Mis en bij de H. Communie , te bidden voor de bekeering van de zondaars en ongel oovigen , hen dikwijls aanbevelende aan de HH. Harten van Jesus en Maria , — door de onderwijzing van onwetenden in de noodzakelijke punten van het H. Geloof, — door het bezoeken van armen en zieken , door het bijstaan der stervenden , — door het bevorderen van godsdienstige inrichtingen of genootschappen , enz. Zij zullen evenwel niets doen zonder toestemming van hunnen Biechtvader of van den Eerw. Heer Directeur, en als zij deze toestemming hebben bekomen , zullen zij zich in dit alles met die voorzichtigheid gedragen, welke de omstandigheden vereisch^n.

Nota. Wanneer een Congreganist zich voor eenigen lijd naar eene andere plaats moet begeven , zoodat hij in de onmogelijkheid U, de Vergadering bij te wonen, blijft hij toch, als lid der Congre-

ocr page 46

42

tja tie, aan derzeloer voordeelen en verdiensten deelachtig , mits hij de Regelen , zooveel hij kan , onder-houde. Indien, in de plaats, waar hij verblijft, de Congregatie is opgericht, dan kan hij van den Eerio. Heer Directeur of van den Prefect een getuigschrift van goed gedrag vrdgen, ten einde dit aan den Prefect aldaar te kunnen vertoonen, met verzoek om de Vergadering te mogen bijwonen.

Art. 22.

Indien de Congregatie ooit mocht te niet gaan, dan zal liet overblijvende geld en al de eigendommen der Congregatie tot liefdadige einden worden besteed.

Akt. 23.

Om de onderhouding dezer Kegelen te verzekeren , zal de Eerw. Heer Directeur zorgen, dat dezelve ten minste eens in het jaar aan de vergaderde leden worden voorgelezen. Overigens zal elk lid zich beijveren dezelve meermalen met aandacht te lezen, en trachten dezelve stipt na te leven, om Gods H. Wil op eene volmaakte wijze te volbrengen.

ocr page 47

G-IEIBIEIDIEnsr

WELKE IN DE

CONGREGATIE VAN 0. L, Y,

IN GEBEÜIK ZIJN.

- -=c=er«s—

Des morgens.

Nadat men driemaal het Onze Vader en Wees gegroet, ter eere van de Allerheiljgate Drievuldigheid , en de twaalf artikelen des geloofs heeft gebeden , roept men met podavrucht de Allerheiligste Maagd aan, en smeekt men hare machtige bescherming af door het bidden van het Salve Regina:

Wees gegroet, Koningin, Moeder der barmhartigheid : ons leven, onze troost en onze hoop, wees gegroet. Tot n roepen wij , bannelingen , kinderen van Eva. Tot u zuchten wij , kermende en weenende in dit tranendal. Welaan dan , onze Voorspreekster , keer uwe barmhartige oogen tot ons , en toon ons, na dit ballingschap, de gezegende vrucht uws lichaams, Jesus. O genadige, o meedoogende, o geliefde Maagd Maria!

ocr page 48

44

Des avonds.

Men doet liet onderzoek des gewetens op de volgende wijze :

1. Zich stellen in de goddelijke tegenwoordigheid en God voor al zijne weldaden bedanken.

2. De verlichting van den H. Geest vragen

3. Onderzoeken , wat men dien dag misdaan heeft, door gedachten, woorden en werken, tegen God, tegen zich zeiven en tegen den even-mensch : overdenkende de plaatsen, waar men geweest is, de personen, met welke men omgang heeft gehad, de dingen, die men verricht heeft, enz.

4. Daarover een waar berouw verwekken.

5. Zijne goede voornemens vernieuwen, en door de voorspraak van Maria de genade vragen, om aan dezelve getrouw te blijven.

Daarna bidt men driemaal het Onze Vader en Wees gegroet, en eens den psalm De Profundis, zooals hier volgt:

De profundis clamavi Uit de diepte heb

ad te, Domine: Domi- ik tot u geroepen, o

ne, exaudi vocem me- Heer: Heer, verhoor

am. mijne stem.

ocr page 49

45

Fiant aures tuae in- Laat uwe ooren Inis-tendentes, in voceui de- teren naar de stem mij-precationis meae. ner smeeking.

Si iniquitates obser- Indien gij, o Heer, va veris , Domine : Do de ongerechtigheden gamine , qnis snstincbit F deslaat: Heer , wie zal er knnnen bestaan ?

Quia apud te propi- Omdat er bij u gena-tiatio est, et propter de is , en om uwe wet legem tuam sustinui te , heb ik u, o Heer, lank-Domine. moedig afgewacht.

Sustinnit anima mea Mijne ziel heeft op in verbo ejus; speravit zijn woord gesteund , anima mea in Domino, mijne ziel heeft op den Heer gehoopt.

A custodia matutina Dat Israël op den usque ad noctem, spe- Heer hope van den ret Israël in Domino. morgenstond tot den ! nacht toe.

Quia apud Dominum Want bij den Heer misericordia; et copiosa is barmhartigheid , en apud eum redemptio. bij Hem is overvloedige verlossing.

Et ipse redimet Isra- En hij zal Israël uit öl, ex omnibus iniqui- al zijne ongereohtighe-tatibus ejus. den verlossen.

Requiem aeternam do- Heer , geef hun de na eis ; Domine : et lux eeuwige rust, en het perpetua luceat eis. eeuwige licht versohijne hun.

Bequiescant in pace. Dat zij in vrede rus-Amen. ten. Amen-

ocr page 50

46

In de Ve

Veni, Creator Spiritus,

Mentes tnornm visita ,

Imple superna gratia,

Quae tu creasti pectora.

Qui diceris Paraclitue,

Altissimi donum Dei,

Fons vivus, ignis, chari-tas,

Et spiritalis unctio.

Tu septiformis munere.

Digitus paternae dex-terae;

Tu rite promissum Pa-tris,

Sermone ditans guttura.

Aocende lumen sensi-bus;

Infunde amorem cordi-bus:

Infirma nostri corporis

Virtute firmans perpeti.

Kom , Schepper, kom

o Heiige Geest, Bezoek ons all' van

minst tot meest. Kom, en stort uw genadekracht In de harten door u

voortgebracht. Gij zijt de Trooster

hoog geroemd , Gij wordt de gave Gods

genoemd, De levensbron , de liefdegloed ,

De zalving van het recht

gemoed.

Gij zijt van 's Vaders

rechterhand. De vinger, en dat waardig pand.

Die hart en tong zeer

rijk begaaft,

En met uw zeven giften laaft.

Geef, dat uw licht onz'

ziel bestraal,

En dat uw liefde in 't

harte daal,

En daar zoo zoet en

krachtig werkt, Dat al, wat zwak is, wordt versterkt.


ocr page 51

DE H. AGNES,

Maagd en Martelares (21 Januari.)

Het eerste offer, dat de H. Kerk uit de rij der maagden kiest, om het haren Bruidegom als kerstgeschenk aan te bieden, is de H. Agnes, een kind van dertien jaren, dat liever alles leed dan den schat harer zuiverheid te verliezen.

Uit edele Romeinsche ouders geboren, prijkte zij reeds vroegtijdig met al die natuurlijke be-gaafdheden, welke het oog der menschen bekoren, en werd door velen om hart en hand aangezocht; doch vruchteloos. „Ik heb,quot; zoo zeide zij, „mijne keuze gedaan; een hemelsche, bovennatuurlijke bruidegom heeft voor eeuwig mijn woord en mijne gelofte ontvangen.quot; Wat vleitaal niet vermocht, trachtte men thans door geweld te verkrijgen. Agnes wordt aangeklaagd als christin, en voor den rechterstoel gedaagd, waar men hare standvastigheid door ijzeren haken en andere werktuigen van foltering en eindelijk door een brandend vuur tracht te breken. Doch niets mag baten. Met de grootste kalmte antwoordt zij haren beulen : „Het zou eene beleediging zijn voor den bruidegom naar de uitboezeming eener vreemde genegenheid te luisteren. Hij, die mij het eerste heeft uitverkoren, zal mij ook ontvangen. Waarom toeft gij! Dat dit lichaam, hetwelk misschien door vreemde oogen bemind wordt, verga en sterve!quot; Haar verlangen werd vervuld: het zwaard maakte een einde aan haar jeugdig leven en stelde haar voor altijd tot schutse en voorbeeld voor hen, die de zuiverheid liefhebben.

OEFENING.

Doordringen wij ons diep van bet woord des H. Ambrosius: Gelijk de Engelen de maagden des Hemels zijn, zoo zijn de maagdelijke menschen de engelen der aarde.

ocr page 52
ocr page 53

47

Hostem repellas lon-gius,

Pacemque dones pro

tinus,

Dnctore sic te praevio

VitemuB omne noxium

Per te sciamus da Pa trem ,

Noscamus atque Fili um.

Teque utriusque Spiri turn,

Credamus omni tem pore.

lleo Patri sit gloria ,

Et Filio, qui a mortuis

Surrexit, ac Paraclito ,

In saecnlorum saecnla. Amen.

Ant. Veni , Sancte Spiritus, reple tuornm corda fidelium, et tui amoris in eis ignem aeoende.

y. Emitte Spiritmn tuum, et creabnntur.

Rr. Et renovabis fa-ciem terrae.

Verdrijf den vijand van

ons af.

Verleen ons gunst in

plaats van straf, Geleid ons langs de

rechte baan ,

Opdat wij alle kwaad

ontgaan.

Maak , dat ons door u

kenbaar zij De Vader, en de Zoon

daarbij ,

En dat wij u, hun

beider Geest, Belijden, dienen onbevreesd.

Lof zij den Vader, lof

den Zoon ,

Die door zijn dood den

dood verwon ; Lof aan n, die de

Trooster zijt. Van nu af tot in eeuwigheid. Amen. Ant. Kom, heilige Geest, vervul de harten van uwe geloovigen, en ontsteek in hen het vuur uwer liefde.

y. Zend uwen Geest en zij zullen geschapen worden.

I}.-. En gij zult het aanschijn der aarde vernieuwen.


ocr page 54

48

Oremus. Laat ons bidden.

Deus, qui corda tide- O God, die de harten lium Sancti Spiritus il- der geloovigen door de lustratione doi;nisti, da verlichting van den hei-nobis in eodem Spiri- ligen Geest hebt onder-tu recta sapere, et de wezen, geef, dat wij ejus semper consolatio- door denzelfden Geest ne gaudere. Per Domi- al wat recht is smaken, num nostrum Jesum en ons altijd in zijne Christum Filium tuum, vertroosting verheugen, qni tecum vivit et reg- Door onzen Heer Jesus nat in unitate ejusdem j Christus, uwen Zoon , Spiritus Sancti, Deus, die met n leeft en per omnia saecula sae- heerscht, in de een-culorum. Amen. heid van denzelfden

heiligen Geest, God, in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Na het Veni Creator leest of zingt men eene der volgende Antiphonen van de E. Maagd, volgens de verschillende tijden des jaars.

Alma Redemptoris.

Van de Vesperen des Zaterdags vóór den Advent tot Kerstavond ingesloten.

Alma Eedemptoris Mater , quae pervia coeli Porta manes , et stella maris, succurrecadenti.

Teerhartige Moeder des Verlossers, altijd opene poort des Hemels en sterre der zee,


ocr page 55

ut

Surgero qui curat,; Kom hot zoadigo volk, populo: tu quip ge- dat nit zijne booaheid nnisti, wenseht op te staan ,

tc hulp;

JVaturu. mironte, tu- Gij , dio tot verwon-um sntictumGenitorem, dering der natuur, uwen Schepper gebaard hebt j en altijd maagd zijt gebleven,

Virgo prius ac poste-; Gedoog, dat wij u met rins, Gabriëlis ab ore Gabriël groeten, en Sumons illud Ave, : ontferm 11 over de zon-peecatorum miserere. daars.

V. Angelus Domini De Engel den

nuntiavit Mariir. Heeren heeft Maria

I geboodschapt. R. Et concepir de: It. En zij heeft ont-Spiritn Sancto, vangen van den heili

gen Geest.

«renins.

Ijftat ons hidden.

Gratiaxu luaiu, qutc-■quot;umns , Domine , men-tibus nostris infunde; ut qui, angelo nunti-ante, Christi Filii tui incarnationem eognovi-mus, per passionem ejus ot erueem ad resurreo tionis gloriam perdu-camur. Per eumdem Christnxu Dominum nostrum. Amen.

Wij bidden u, Heer, stort uwe genade in onze harten, opdat wij , die door de boodschap des Engels de menschwor-ding van Christus, uwen Zoon , gekend hebben , door zijn lijden en kruis tot de glorie der verrijzenis gebracht worden. Door aenzelfden Chris-tus, oTi7,cii Heer. Amen.


1

ocr page 56

Van Kerstuoond lot Maria Lichtmis, dezelfde

Antiphone; maar het Vers en gebed veranderen ■ ah volgt:

y. Post partum virgo v. JS'a uwe barinp; inviolata permansisti. zijt gij ongeschonden Maagd gebleven.

R-. Dei Genitrix, in- R-. Moeder van God, icreede pro nobis. bid voor ons.

Oremus. Laat ons bidden.

Deus qui salutis aster- O God , die door de na?, beatsn Maria? vir- vruchtbare maagdelijk-ginitate fcocunda, hu- heid van de heilige mano generi praimia Maria, de gaven der prcestitisti: tribne, eeuwige zaligheid aan quajsnmus. ut ipsam het menschelijk gc-pro nobis intercedere slacht verleend hebt, wij sentiamus, per quanx bidden u, laat ons de ■uernimns auetorem! voorspraak van degene vit:e auscipere , Domi- j gevoelen , door wie wij nnm nostrum Jesnm verdiend hebben, do Christum Filium tnnra.1 bron des levens, onzen Amen. Heer Jesns Christus,

uwen Zoon , te ontvangen. Amen.

Vve Jtogiua ( «i'lonini.

, ■ l un Lichtmis tot Witten-Ttondcrdug.

Ave, Kegina cffilo- Wees gegroet, Xo-i-um ; ave , Domina i ningin der Hemelen , Angolomm : wees gegroet, Opper-

vorstin der Engelen

ocr page 57

Salve r radix : salve Wij groeten u, o wor-norta, ex qua mnndo'tel: wij groeten u, o Jnx est- orta. poort, waaruit liet licht

voor de wereld is ontstaan.

Gaude , Virgo glori- Verblijd u , o roem-■jsa, snper omnes spe- waardige en boven allen .■iosa. uitmuntende Maagd.

Vale. o va 1de decora. Wees gegroet. o et pro not»? Christum schoonste der maagden, exora. en bid Christus voor

ontlt;.

Diguare ine lau- v. Gewaardig, dat ik dare te, Virgo sacrata. n love, o heilige Maagd.

R:. Da mihi virtnlem r-. Geef mij sterkte « ontra liostes tuos. tegen uwe vijanden.

Orennts. Jjiiaf ons bidden.

Concede . misericors Harm hartige God, wil lUeuB, frugilitati nostra.' onze zwakheid onder-pra;sidinm: ut qui sane- steunen, opdat wij, die tas Dei Genitricis me- de gedachtenis der hei-moriam agimus, inter- lige Moeder Gods vie-viessionis ejus anxilio a ren, door den bijstand aostris iniquitatibas re- van hare voorspraak lurgamns. Per eumdem uit onze zonden mogen Christum Dominum opstaan. Door denzelf-nostrnm. Amen. den Christus, onzen

Heer. Amen.

——o ' Afi.rf, S ryquot; lt;'

ocr page 58

35}

Kc.yina C'wli.

Van de Otupletm van Puaschavcmd. tot de eirst* Vespers- der Allerheiligste Driewildigheid, ingesloten.

Üeginii wbH . butare, alleluia.

Quia qnem mertiisti portare, allelnia.

JBesurroxit, ment dixit, allelnia.

Ora pro nob is Den in, allelnia.

y. Gande ot Isefcare Virgo Marin, allelnia.

amp;. Qnia snrrexit l)o-minnp toto . allelnia.

Uromnx.

Deus . qui per ledur-rectionem Filii tui, .Do-mini nostri Jesn Christi, mnndum la»tificare dig-natns et»: prsoste , qnse-snmus, nt per ejns Genitricem virginem Mariam, perpetusc capi-amns gandia vit»;. Per onmdera Chriatnm Do-minnm nostmm, A.men.

Verblijd u, Koningin des Hemels, allelnja.

Want hij, dien gij -.vaardig geweest zijt t*-dragen, allelnja.

Is verrezen, gelijk hij I gezegd heeft, allelnja.

Bid God voor ons. alleluja.

y. Verheug en ver blijd n, o Maagd Maria, alleluja.

R-. Want de Heer in waarlijk vevrezen , alle-luja.

Laat onx bidden.

O God , die door df verrijzenis van uw et Zoon, onzen Heer Jesus Christus, u gewaardigd ! hebt de wereld te ver-i blijden . geef ons, bidden wij q, dat wij door zijne Moeder, de Maagd Maria, de vreugden van het eeuwige leven bekomen. Door denzelfde®


onzen Heer.

Christn* Amen

ocr page 59

53

Salve Keuiuii.

Van de eente fesjiera der allerheiligste DrioonUlU]-keid, fnt He Nomn van êm ZaUrdatf vóór dan. A.dcmt.

Salve Kegina, Mater Weefi gegroet, Koniu-aiiBoricordia^; vita, dnl- gin, Moeder der barm-cedo , et spes nostra . hartigheid; ons leven, «sJve. onze troost en onze

hoop, wees gegroet.

Ad ce cLamamiis cxu- Tot n roepen wij, ïes filü Eva-, ballingen. Idndemi van

Eva.

Ad te suBpiramus ge- Tot u auchten wij , Taeiites et flentes in hac kermende en weenendc lacrymarnm valle. in dit dal der tranen.

Eja ergo, advoeata Welaan dan, onze nostra, illoB taog mise-1 middelares , keer uwe rjcordes oenlos ad nos barmhartige oogen tot «onverte. ons.

Et Jesnm. benodie- En toon ouilt; na dit vum i'rnctnui ventris tui, ballingsehap Jesus, de nobis post hoe exilinm gezegende vrucht mvs ostende. liehaams.

O elcmens , o pia , o O genadige , o mee-.i olcis Virgo Mam. doogende, o geliefde Maagd Maria.

y. Ora pro nobis. y. Bid voor ous, kei-«ancta Dei Genitrix. lige Moeder Gods.

H-. TTt digni effieia- R-. Opdat wij dor jnur promipsionihns beloften van Christus Ohrieli. waardig worden.

ocr page 60

liuut ons Itiddcn.

Ummpoieiis sempiter- Almachtige, eeuwigt» ne Dens , qui gloriosse God , die , door de me-Virginis Matris Mariéc dewerking van den hei-corpus et animam , at, ligen Geest, het lichaam digmim t'ilii tui habita- en de ziel der roemwaar-irulnm effiei mereretur, dige Maagd en Moeder Spiritu Saneto eoöpe- Maria, tot eene waar-rante, prseparasti; da, dige woonplaats van ut cujxiB commemora- nwen Zoon bereid hebt, tione laitamur, ejus pia geef, dat wij, die onf intercessione ab insran- in hare gedachtenis ver-tibus melis et a inorte blijden, door hare gena-perpetaaliberemur. Per; dige voorspraak van alle eumdem ChristTim Do- aanstaande kwaad ei. miTiTmi nostTTitn. Amen. van den eeuwigen dood bevrijd worden. Door denzelfden Christus, onzen fleer. Amen.

-W evu dezer Antiphonen gelezen of gezongen te hebben , doet men het volgend'!

GEBKD .

waarin men de mening maaki, met welke mm de oefeningen gaat verrichten.

Om steeds aandachtig te bidden, laten, wij ons voorstellen , dat wij in Gods tegenwoordig-

Oremus.

ocr page 61

hoid zijn, cu dal ziju alaieud oog o\) een ieder van ons gevestigd is ; ja, dat het zelfs tot in hot binnenste van ons hart nederziet. (Hier1 houdt men een weinig stil.)

O allerheiligste Maagd en Moeder Godc! Maria! hier voor nw beeld nederknielende, on ons havt en onzen geest tot voor uwen troon verheffende , bidden wij u , sla toch uwe moederlijke oogen uit den Hemel op ons neder. en beschouw uwe kinderen, welke wederom in uwen naam vergaderd zijn. Aanhoor, o lieve Moeder, onze geboden, en draag die voor ons aan uwen lieven Zoon, onzen Heer Jesus Chris-rus, op, opdat Hij zich gewaardige dezelve gunstig te verhooron. In het vast vertrouwen dan , dat wij door u, o allerheiligste Maagd , door de voorspraak van onzen H. Patroon N.... en van alle Heiligen zullen verhoord worden , gaan wij onze gewoonlijke oefeningen met de volgende intention verrichten: tot verheffing van onze Moeder de H. Kerk, voor onzen H Vader don Paus en voor geheel de geestelijkheid , bijzonder voor don Eerw. .Bestuurder van onze Congregatie, en voor allo herders der zielen; tot eendracht der christen vorsten, tot uitroeiing der ketterijen, tot bekeering der oiv geloovigen , tot verlossing der christen slaveu , tot volharding der rechtvaardigen, tot bekeering der zondaren , en voor allen , die ons in

ocr page 62

het allerheiligste Hart van Maria maandelijks worden aanbevolen, en voor allen, die onze Congregatie, op welke wijze ook, verlaten hebben (*); insgelijks voor de weldoeners onzer Congregatie, tot welstand van de Hoofd-Con-gregatie eu van alle christelijke vereenigingen , alsmede voor de Broeders en Znstors van dezelve ; voor allen, die zich in onze gebeden hebben aanbevolen . of van iemand onzer , gebeden voor zich of voor anderen verzocht hebben ; voor alle geloovige zielen : eindelijk voor allen . aan wie wij of iemand van onze Cougre-gatie , op welke wijze ook, wetende of onwetende , nog eenige verplichting zouden hebben.

Na dit, gebod ieesl men godoruektiy de Lilaaie m» Tyoretfe of van de kinderen vm Maria.

LITAKiF VAK LÜRETTE.

Kyrie , eleison. Christe, eleison, Kyrie, eleison. Christe, andi nos. Chnste, esaudi nos.

Heer, ontferm u onzer. Christus, ontf. u onzer. Heer, ontferm u onzer. Christus. hoor ons. Christus, verhoor ons.


U t h3t tnen we?, 002 nionun l tl.' (7ni2r-zuK- v,Tlaigt; rgt;

b-pcft.

ocr page 63

o/

Pater de ecislia Pens.

miserere nobis.

Fill redemptor innudi Deus, miserere nobis Spiritus Sancte Dena,

miserere nobis.

sancta Trinitas, tinus Deus, miserere nobis.

Sancta Maria , era pro

nobis.

Sancta Dei genitrix, Sancta Virgo virginum,

Mater Christi,

Mater «livin» grathe ,

Mater purissiiua, O: Mater oastissinia, $ -s

Matei\'inviolata ,

Mater intemerata. Mater amabiiis,

Mater admirabilis , Mater Creatoris,

Mater Salvatoris,

Virgo prudentissima ,

Virgo voneranda,

Virgo prKdicanda , Virgo poten? ,

God hemelsche Vader r

ontferm n onzer. God Zoon, Verlosser dor wereld, ontf. u onzer, God heilige Geest, ontferm u onzer.

Heilige Drievuldigheid, oen'God, ontferm n onzer.

Heilige Maria, bid voor ons.

Heilige Moeder Gods, Heilige Maagd der

Maagden.

Moeder v. Christus. Moeder der goddelijke genade , Allerreinste Moeder, g; Allerzuiverste Moe- — der, g

OngesohondoH Moe- c der, J,

Onbevlekte Moeder, 5 Minnelijke Moedor , ' Wonderlijke Moeder, Moedor des Scheppers ,

Moedor des Zaligmakers , Allervoorzichtigste

Maagd ,

Eerwaardige Maagd. Lofwaardige Maagd. Machtige Maagd ,


ocr page 64

Virgo demons, ora pro

nobid.

Virgo fidelis ,

Speculum justitia',

SSedes supientia',

Causa nostnv hctl-

tia',

Vas spirituale. Vas honorabilc, Vas insigne devotio-nis,

Rosa mystica , O

Turris Davidioa. » Turris ebnrnea . ^ Domus aurea ,

Fcederis area, |

Janua cteli, g;

Stella mat a tin ;i , 7' •Salus infirmorum ,

liefugium pecoato-ram ,

Consolatrix aJilicto-rum ,

Auxilium thristiano-

rum ,

Kegino Angelormn ,

Regiua Patriurcba-rnm,

liegina Prophetarnra,

Rogina Apostolo-rum ,

Goedei tieron Maagd

bid voor ons. Getrouwe Maagd , Spiegel der rechi

vaardigheid ,

Stoel der wijsheid . Oorzaak onzer blijdschap ,

Geestelijk vat, , Eerwaardig vat, Uitmuntend vat van

godsvrucht, Geestelijke roos . Toren van David , Ivoren toren , Gulden huis, Ark des verbond? . Deur des Hemels . Morgenster, Behoudenis der kran-ken ,

Toevlucht der zondaren ,

Troosteres der bedrukten ,

Hulp der christenen.

Koningin der Engelen ,

Koningin der Patriarchen ,

Koningin der Profeten ,

Koningin der Apo.s-relen,


ocr page 65

59

Regin» Martyrum, ora

pro nobis.

Kegina Confessorum ,

T3

quot;-j

O

13 O c-

JRegina Virginum ,

liegiaa Sanctorum

omnium ,

Uegina sine labe ori-

ginali concepta, Kegina Sacratissimi

tiosarii,

Agnus Dei, qui tollis peccata mundi, paree nobis. Domine ,

Agnus Dei , qui tollis peccata mundi, exau-di nos , Domino ,

Agnus Dei, qui tollis peccata mundi . miserere nobis.

Ohriste, audi nos. Christf, exaudi nop. Kyrie , eieison.

Christe, oleison.

K vrie . eieison.

Koningin der Marwi-j.-

ren, bid voor ons, Koningin der Belijders , ffi Koningin der Maag- f2-den ^ g Koningin van alle g Heiligen , o Koningin , zonder 5

erfsmet ontvangen, Koningin van den Ai-

lerh. Eozenkrans , Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt , verhoer ons, Heer.

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt , spaar ons. Heer.

Lam Gods, dat de zouden der wereld wegneemt, ontf. u onzer. Christus, hoor ons. Christus, verhoor ons. Heer, ontferm u onzer. Christus, ontf. u onzer Heer , ontferm u onzer.


l.aat ons bidden.

Defende, qujcsuinus Wij bidden u. Heer.

Domine, 'Beata Maria door de voorspraak vat

semper Virgine interce- de H, Maria, altijd

dente, istam ab omni Maagd, beschena van

Oremus

ocr page 66

HO

adrersitatc familiam, et; allen, tegenspoed deec toto corde tibi prostra-; Vergadering , die vau tam, ab hostinm propi- gansuher harte voor u is tins tnere clementer m- nedergaworpen, en be-sidiis. Per Dominnm ; vrijd haar genadig van nOBtrum Jesum Chris- alle listen der vijanden, tam, Filium tnum, qui Door onzen Heer Jesnt-tecum vivit et regnatin Christas , nwen Zoon, lanitate Spiritus Sancti, die mei, u leeft en Dens, per omnia sfccnls heersuht, in de eenheid Hseeulortim. Amen. van den Heiligen Geest, God, in alle een wen der eeuwen. Amen.

LITANIE

DEB

KINDEREN VAN MARIA.

- —sc-t-'--

Heer, ouLl'eriu u onzer.

iJhristus, ontferm u onzer.

Heer, ontferm u onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

Dochter van God den Vader, verheven boven

alle schepselen, keersch over uwe kinderen. Moeder van God den Zoon en onze Moeder,

bescherm uwe kinderen.

Bruid van God den H. Geest, verkrijg de zaligheid uwer kinderen.

ocr page 67

tn

Moeder van uiu-cht, verkrijg voor uwe kinderen

eene sterke den^d ; o Mariit, verhoor ons. Moeder van liefde, verkrijg voor awe kinderen eene vrome , edelmoedige en stand-vaêtige liefde tot God ;

Moeder, vol ijver voor de glorie van uwen apddelijken Zoon, verkrijg voor uwe kin-3cren eenen brandenden. voorzichtigeu on klaarzieaden ijver;

Moeder, die u zuiver hebt kunnen bewaren , als eene lelie in het midden der doornen , verkrijg voor uwe kinderen die liefde der zuiverheid. die hen de minste o vlek doet vreesen : g

Moeder. die nooit, de tegenwoordigheid van sj uwen God nit het oog verloren hebt, g verkrijg voor uwe kindoren de gunst van -dezelve altijd te bewaren, zelfs in het mid- Jj den van het gewoel dezer wereld; 3*

Milddadige Moeder, verkrijg voor uwe kin- §

deren de liefde der opoifering:

Altijd vreedzame Moeder, zelfs in uwe droef- g heid aan den voet van het krnis, verkrijg ? voor uwe kinderen dien geest van vrede , die hen ondersteunt in het midden der stormen van dit leven;

Moeder vol geloof, verkrijg voor uwe kinderen dien inwendigen geest, die hen God doet zien in alle schepselen;

Zachtzinnige en ootmoedige Moeder. vraag voor uwe kinderen die deugden, welke Jesus beminde, en waarvan hij xulke treffende voorbeelden gaf;

Moeder, die God alleen tot getuige uwer werken zocht, verkrijg voor uwe kinderen.

ocr page 68

62

Jiooit ecu ander inzicht te Jiobben , dan dat van Hem te behagen ; o Maria, verhoor ons.

Zuiverste Maagd , verkrijg dat wij , door ouzo zedigheid, ons altijd als uwe ware kinderen toonen ; o Maria, verhoor ongt;\

Moeder, die de wereld en hare ijdolheid veracht hebt, verkrijg voor uwe kinderen de maoht om. te wederstaan aan hare verleidende bekoorlijkheden ; o Maria, verhoor ons.

Door uwe Onbevlekte Ontvangenis: o once MueAcr, heli) uwe kinderen.

Door deu ijver, waarmede gij u, drie jaren oud zijnde, aan God hebt opgeofferd; n ome Moeder , help moe kinderen.

Door uw heilig Hart, met een zwaard doorstoken : o onze Moeder, help nice kinderen.

lt;Tii, die altijd zoo onderdanig waart aan den heiligen wil van God, verkrijg voor uwe kinderen , zich altijd naar denzelven te schikken : o onze Moeder, verhoor uwe kinderen.

Gij, die niemand verlaat, ondersteun in het midden der gevaren dezer wereld, degenen die u toegewijd zijn: n onze Moeder, verhoor me kinderen.

Heilige Jozef, zuivere bewaarder van Jesus en Maria, bid voor ons.

Heilige Joannes, die het geluk gehad hebt uwe zorgen aan Maria toe te wijden , 6id ooor o»-t.

H. Aloysius vau Gonza.ga en Heilige Stanislaus, brandende van liefde tot Jesus en Maria, bidt voor ons.

Lam Goda, dat de zonden der wereld wegneemt , spaar ons , Heer.

tam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt , verhoor ons. TJper.

ocr page 69

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,

ontferm, u onzer.

Ohristus, hooi' ons.

Christus , verhoor one.

Heer, ontferm u onzer.

Ohristus. ontferm tl onzer.

Heer , ontferm U onzer.

V. O Maria. vol van gratie ,

R-. Van het hoogste des Hemels , zegen uwe kinderen.

lidul ons bidden.

O Jesus , die van a\v kruis, Mariu aan alle menschen tot Moeder hebt gegeven, en die ons eene nieuwe weldaad vergund hebt, met ons onder het getal harer uitverkorenen te stellen, maak dat wij, beantwoordende aau de gratiën die gij over ons uitstort, deze zoo troostende woorden waar maken: ., Het is onmogelijk, dat .. een. waar dienaar van Maria verloren ga.v Om deze genade smeeken wij u, o Jesus, door de teederheid van uw goddelijk Hart. door de verdiensten van uw heilig lijden , en door de voorspraak van tiwe allerheiligste Moeder. Amen.

Ihiarna hl'It. nh'n vijfmaal het Onze Vydci lt; n Wees accrue» f.r.r tjfwone wreninn drr J!. Kerk , nm Jfii, vollen dflaaf ra vwuleneu.

.\a deze vijf Onze \ ader en Wees gegroet, bi'M men de J.Hanir of ecu gebed tot den tweeden Patroon der Congregatie Omdat. ■ gt;f) vele plaatsen de H Aloysins, of de H. .Inz.;f, of de 11. Ann;» tot tweeden hatroon worden, gekozen, volgen hipr de f.'danirn niïi deze Heiligen.

ocr page 70

«'t

LITANIE

TKli EEBK VAN DSN

H. ALOYSIUS VAN GONZAGA.

üeschermer tier jeugd.

Heer , oncterm u ouzer,

Christus, ontferm u onzer.

Heer, ontferm n onzer.

Chriatns, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God hemelsche Vader, ontferm u ouztr.

God Zoon, Verlosser der wereld, ontf. u onzer.

God H. Geest, ontferm n onzer.

H. Drievnldigheid, één God, ontferm u onzer.

H. Maria, beschermster van den H. Aloysin? , bid voor ons.

H. Aloysius,

H. Aloysins, verrijkt door de zegeningen des Heeren.

H, Aloysius , vermld met den H. Geest, 33

H. Aloysins, waardige belijder van Jesus S-Christus, ^

H. Aloysius, godvruchtige aanbidder van hot § Allerheiligste Sacrament des Altaars, H

H. Aloysius, getrouwe dienaar der H, Moe- £ der Gods, ?

H. Aloysius , edelmoedige verachter derwel-Insten dezer wereld,

ocr page 71

H. Aloysius, voorbeeld van het volmaakte leven.

bid voor ons.

H. Aloysiua, voorbeeld van ootmoedigheid . U. Aloysius, minnaar der armoede, II. Aloysius, volmaakt in gehoorzaamheid, II. Aloj sins , wonderbaar in verduldigheid , TL Aloysius, zeor machtig in den Hemel , i;T. Aloysius, verdrijver der helsche geesten, H. Aloysius, eer en luister der jeugd, -j.

H. Aloysius, beschermheilige der scholieren, pi JT. Aloysius, navolger van het evangelisch ^ leven, g

H. Aloysius, spiegel der maagden. ^

17. Aloysius, zoetaardigate trooster der be- § drukten . ®

LI. Aloysius , genezing der kranken, H. Uovsius, luister en sieraad der Sociëteit van Jesus,

H. Aloysius, klaarblinkend lioht der H. Kerk. iï. Aloysius , vermaard door menigvuldige mirakelen,

f.am Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,

spaar ons, Pleer.

Lam Gods, dat de üonden der wereld wegneemt,

verhoor ons, Heer.

Lam Gods, dat do zonden der wereld wegneemt, ontferm ü onzer.

v. Bid voor ons , H. Aloysius ,

R-. Opdat wij dor beloften van Christus waardig worden.

I.aat ou8 biddeu.

God, uitdeeler der hemelsche gaven, die ia don heiligen jongeling Aloysius eene wonderbare

ocr page 72

G6

onscliuld van leven met eene gelijke boetpleging vereenigd liebt, vergun ons door zijne verdiensten en gebeden, dat wij, die hem in zijne onschuld niet hebben gevolgd , hem in zijne boetvaardigheid navolgen. Door Christus, onzen Heer. Amen.

Wij bidden n, o Heer, dat al degenen, die volgens het voorbeeld van den H. Aloysius trachten te leven in de zuiverheid , waarin nw dienaar zoo wonderlijk heeft uitgeschenen, door de voorspraak van dien Heilige mogen bekomen , dat zij hunne ziel en hun lichaam zuiver en onbesmet tot het einde huns levens bewaren. Door

onzen Heer Jesus Christus , nwen Zoon. Amen.

----

Gebed tot den H. Aloysius van (Jonziiga.

Heilige Aloysius , die door uwe getrouwheid in korten tijd den Hemel hebt verdiend , waar gij in volle glorie zijt, wij bidden u ootmoedig-lijk, dat gij ons , die nog in het droevig dal der tranen zijn, niet vergeet, maar voor ons van God wilt vragen eene bijzondere godsvrucht fot de Allerheiligste Maagd en tot haren Zoon in het Allerheiligste Sacrament, eene oprechte liefde tot God en onzen evennaaste , opdat wij, volgens uw voorbeeld, dengdenrijk en minzaam zijnde op deze wereld, met u in den Hemel mogen geloond worden. Amen.

ocr page 73

67

GEBED

om de deugd van zuiverheid te vragen.

O heilige Aloysius , die met engelachtige zeden versierd zijt, ik, tiw zeer onwaardige vereerder , beveel u op geheel bijzondere wijze de zuiverheid van mijne ziel en mijn lichaam aan. Ik smeek u door uwe engelachtige reinheid, mij aan Jesus Christus, het Lam zonder vlek en aan zijne allerheiligste Moeder, de Maagd der maagden aan te bevelen, en mij tegen elke zware zonde te behoeden. Gedoog niet, dat ik mij met eenige onzuiverheid besmette; maar als gij ziet, dat ik in bekoring of gevaar ben van te zondigen , verwijder dan uit mijn hart alle onreine aandoeningen. Wek dan in mij de herinnering op aan de eeuwigheid en aan den gekruisten Jesus, prent in mijn hart het gevoelen der heilige vreeze Gods, en ontsteek mij door de goddelijke liefde, opdat ik, na u gevolgd te hebben op aarde, verdiene met u God te genieten in den Hemel. Amen.

Onze Vader — Wees gegroet.

NUTA. /.ijni- Hriliglicid l'ius VU liccll, di-n « Maan IIMK!. 100 da-^cn aflaat verleend , ctns per dag te verdienen door hen, die god-vrnctitig en oict een rouwmoedig liarl hel bovenstaande gebed met

een Onze Vader en eén Wees gegroet bidden.

— —---

ocr page 74

fi8

TF:K kkbk

VAX DEN H, JOZEF.

Heer, outt'erm u ouzer.

Christns, ontferm n onzer.

Heer . ontferm n onzer.

ChristUM, lioor ons.

Christus , verhoor ons.

God hemelfiche Vader. ontferm ti onzer. God Zoon , Verloeser der wereld, ontf'. n onzer-God heilige Geest, ontferm n onzer. H. Drievuldigheid, één God , ontferm n onzer, H. Maria, bid voor ona H. Moedor Gods .

H. Maagd der maagden H. Jozef.

Beschermer van Jesus .

Bruidegom van Maria. ,33

Man naar Gods hart, tx

Getrouwe en wijze dienaar. a

Bewaarder der zuiverheid van Maria. S

Medehulp van Maria ,

Leidsman en troost van Maria,

Die om Maria met bijzondere genaden be- ®

gunstigd üijt,

AllerreinBte in zuiverheid,

Allernederigste in ootmoedigheid ,

Alleryurigüte in liefde,

ocr page 75

rt'.t

Allervcrhevenste in bwsoliouwing, bid voor ons.

Die dooi- Jen H. Geest zeiven rechtvaardig

zijt verklaard,

Die in de goddelijke verborgeniieden boven

anderen verlicht zijt geweest .

Die door een Engel in het geheim der menscb-

wording onderricht zijt,

Die met Maria, uwe Bruid, naar Bethlehem

zijt gereisd,

Die, toen gij in de herberg geene pl aats

vondt, in eenen stal hebt vernacht, Die waardig zijt geweest, bij Christus te wezen , toen Hij geboren en in eene krib gelegd werd ,

Die met Maria het Kind Jesus in den tem- §5 pel hebt opgeofferd , ^

Die op het woord van den Engel met Jesus g en zijne Moeder naar Egypte zijt gevlucht, g Die na den dood. van Herodes met Jesns 0 en zijne Moeder naar het land van Tsraël g zijt wedergekeerd ,

Die het Kind Jesus , dat te Jeruzalem was gebleven , met Maria vol droefheid hebt gezocht,

Die hem na drie dagen met blijdschap gevonden hebt. zittende in het midden der leeraren,

Aan wien de Heer der heeren op de aarde

onderdanig geweest is,

Bruidegom van Maria, uit welke .lesus geboren is,

Wiens lof in het Evangelie vermeld wordt, Onze voorspreker, hoor ons , H. Jozef.

^zc beschermer, verhoor ons , H, Jozef.

ocr page 76

70

In al onzen nood , help ons , II. Jozef.

In al onze benauwdheden ,

In het nur van onzen dood ,

Door uwe allerzuiverste tronw ,

Door uwe vaderlijke zorg en teederheid ,

Door al uwen arbeid en zweet,

Door al uwe deugden ,

Door al uwe verdiensten .

Door uw eeuwig geluk .

Wij , die u als beschermer aanroepen , wij l

den u , verhoor ons.

Dat gij Jesus wilt bidden om vergiliènis

onzer zonden ,

Dat gij ons aan Jesus en Maria gelieft aan

te bevelen ,

Dat gij voor alle maagden en ongehuwden

de gaaf van zuiverheid wilt verwerven , Dat gij voor de getrouwden eene onbevlekte getrouwheid en heilige eendracht wilt verwerven ,

Dat gij voor alle vergaderingen eene volmaakte liefde en overeenstemming wilt verwerven ,

Dat gij de vaders der huisgezinnen in het christelijk opvoeden hunner kinderen wilt behulpzaam wezen ,

Dat gij alle oversten in de bestiering dergenen , die hun zijn toevertrouwd, wilt behulpzaam zijn ,

Dat gij alle vergaderingen , die u bijzonderlijk zijn toegedaan , wilt begunstigen , Dat gij allen , die op uwe hulp betrouwen ,

altijd en overal wilt beschermen ,

Dat quot;ij alle geloovige zielen door uwe voorbede wilt helpen ,

ocr page 77

71

UescLernier van Jesus, wij bidden u, verhoor ons. Bmidegom van Maria, wij bidden u, verhoor ons. Heilige Jozef, wij bidden u , verhoor ons. Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt , spaar ons , Heer.

Lam Gods , dat de zonden der wereld wegneemt , verhoor ons, Heer.

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt , ontferm u onzer.

Christus , hoor ons.

Christus, verhoor ons.

Heer , ontferm u onzer.

Christus , ontferm u onzer.

Heer, ontferm u onzer.

■ir. Bid voor ons , H. Jozef.

Iv. Opdat wij der beloften van Christus waardig worden.

Laai ons bidden.

O heilige Jozef, die in de omhelzing van Jesus en van Maria, uwe allerliefste Bruid, uit deze wereld gescheiden zijt, wij bidden u , dat gij ons willet te hulp komen met Jesus en Maria, als de dood ons leven zal eindigen , opdat wij iu de omhelzing van Jesus en Maria onzen geest vol vertrouwen mogen geven. Amen.

Wij bidden u, Heer, dat wij door de verdiensten van den Bruidegom uwer allerheiligste

ocr page 78

Moeder geholpen worden; opdat ons door zijne voorspraak gegeven worde, hetgeen wij door ons zeiven niet kunnen bekomen ; die leeft en heerscht in de eenwen der eeuwen. Amen.

Wij smeekeu u, o groote en machtige heilige Jozef, onze Patroon , gedoog , dat wij , die uwe kinderen zijn, deze Congregatie aan awe bescherming komen aanbevelen; eu ge-waardig , dat wij u bidden om van Jesus „ ■iw goddelijk l'oedsterkind , den zegen over dezelve te bekomen. Gedenk, dat wij niets anders voor oogen hebben dan de glorie van Jesus, van de allerheiligste Maagd Maria en de uwe. Wij zouden ons zeer gelukkig achten , indien wij uwen naam met de namen van Jesus en Maria door de geheele wereld mochten hooren weergalmen. O H. Jozef, geliet door uwe goedheid aan te vullen, hetgeen ons ontbreekt, tot welzijn van al uwe kinderen aan te zien het verlangen , dat zij hebben om uwen naam minnelijk te maken aan alle harten , en uwe bescherming voordeelig en nuttig te doen zijn nan allen, die n zullen aanroepen. Amen.

ocr page 79

73

LITANIE

HUB EEUE VAN DE

HEILIGE MOEDER ANNA.

Heer, ontferm u onzer.

Christus, ontferm u onzer.

Heer, ontferm u onzer.

Christus, hoor ons.

Christus, verhoor ons.

God hemelenhe Vader, ontferm u onzer. God Zoon, Verlosser der wereld, ontf. n onzer. God H. Geest, ontferm n onzer. H. Drievuldigheid, één God, ontferm \i onzer. H. Anna, bid voor ons.

Moeder der H. Maagd Marin ,

Bruid van J oachim,

Ark van JJoë,

Wortel van Jesse,

Vruchtbare wijngaard,

Blijdschap der Engelen , S

Dochter der Patriarchen ,

Vervuld van genade, ?

Hpiegel van gehoorzaamheid , §

Spiegel van verduldigheid , 0

Spiegel van barmhartigheid, 5

Spiegel van godvruchtigheid ,

Bolwerk der H. Kerk ,

Toevlucht der zondaren ,

Bijstand der Christenen ,

Verlossing der gevangenen ,

Troost der getrouwden ,

Moeder der weduwen,

Bescherrastor der maagden ,

ocr page 80

74

Haven der zeevarenden , bid voor ons.

Weg der reizenden, bid voor ons.

Gezondheid der kranken , bid voor ons. Troosteres der bedrukten , bid voor ons. Helpster dergenen , die n aanroepen , bid voor ons.

Lam (xods, dat de zonden der wereld wegneemt,

spaar ons , Heer.

T.am Gods, dat do zonden der wereld wegneemt,

verhoor ons, Heer.

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt,

ontferm u onzer.

Christus , hoor ons.

Christus, verhoor ons.

Heer , ontferm u onzer,

Christus, ontferm u onzer.

Heer, ontferm u onzer.

V'. Bid voor ons, H. Anua.

K. Opdat wij de beloften van Christus waardig worden.

Laai ons bidden.

O God, die u hebt gewaardigd aan de H. Anna de genade te verleenen , de Moeder van uwen eenigen Zoon te baren , verleen ons genadiglijk , dat wij, die hare gedachtenis vieren, door hare voorspraak bij u mogen geholpen -worden. Door denzelfden Jesus Christus, onzen Heer. Amen.

Heilige Anna, Moeder van Maria, ja, gij zijt de moeder van haar, uit wie Jesus, de Verlosser en Zaligmaker der mensehen, heeft

ocr page 81

75

willen geboreu worden. O heilige Vrouw, welke wij voor Patrones en medebeschermster onzer Congregatie verkozen hebben, gij waart voor Maria de bewaarster van den schat harer zuiverheid ; wij bidden n, groote Heilige, bewaar die deugd ook in ons, kinderen van Maria, en help ons tevens in alle andere deugden onze H. Moeder navolgen, opdat wij aan haar en Jesus haren Zoon aangenaam mogen zijn ; verkrijg voor ons van God een waar berouw , de vergiii'enis onzer zonden en een zaligen dood. Bid voor ons, opdat Jesns en Maria steeds onzen geest en ons hart vervullen; geef, dat zij alleen onze vreugde, onze liefde , ons leven, on het eenige voorwerp van ons streven zijn; ten einde wij door de tusschenkomst van eene Moedor die Maagd gebleven, en door de verdiensten van eenen God , die mensch geworden is, hier eenen waren vredo genieten, welke door don eeuwigen vrede worde gevolgd. Amen.

NA DE KIKZING.

Te Deum Lnudauuis.

U, o God, loven wij ; u, o Heer, belijden wij.

U, eeuwige Vader, eert de gansche aarde.

U roepen al de Engelen, de Hemelen, al de Machten ,

ocr page 82

76

De OIierTibrjncti en 8erafljn«*n onophcmdelijlc toe i

Heilig, heilig, heilig is dis Heer, God der heerscharen!

Hemel en aarde zijn vol van de Majesteit viwer glorie.

Het glorierijke koor der Apostelen , Het lofwaardig getal der Profeten , Het blinkende heer der Martelaren looft u , De H. Kerk belijdt n door geheel de aarde, TT , Vader van oneindige glorie ,

Uwen hoogwaardigen, waren en eenigen Zoon, Alsmede den Vertrooster den H. Geest. Christus , gij zijt de Koning der glorie. Gij zijt de eeuwige Zoon des Vaders. Gij hebt. wanneer gij, om den menscli te verlossen, de menschheid zoudt aa.nnemen, den schoot eener Maagd niet geschroomd.

Gij hebt, nadat gij den schicht des doods overwonnen liadt. voor de geloovigen het rijk der Hemelen geopend.

Gij zit aan de rechterhand Gods, in de glorie des Vader».

Wij gelooven, dat gij eens ab rechter zult wederkomen.

Wij bidden u dan, kom uwe dienaren te hulp, die gij door uw dierbaar Bloed verlost hebt.

Geef, dai zij, in de eeuwige glorie, on dei-het getal uwer Heiligen mogen zijn.

ocr page 83

Heer, maak uw volk zalig en zegen uw erfdeel.

Bestier hen en verhef hen tot in eeuwigheid.

Dagelijks loven wij n.

En wij prijzen uwen naam in eeuwigheid en in eeuwigheid der eeuwigheden.

Gewaardig u, o Heer. ons heden zonder zonde te bewaren.

Ontferm u onzer, Heer. ontferm u onzer.

Laat, o Heer, uwe barmhartigheid over on» komen, gelijk wij op u gehoopt hebben.

Op u. o Heer , heb ik mijne hoop gesteld ,

en in eeuwijrheid zal ik niet besohnamd worden.

- - —

VOOK DU BERAADSLAGING.

Veni, Sanete Spiritus.

Kom, heilige Geest , vervul de harten van uwe geloovigen , en ontsteek in hen het vuur uwer liefde.

y. Zend uwen geeat, en zij zullen geschapen worden.

En gij zult het aanschijn der aarde hernieuwen.

I^aat ons bidden,

ü God, die de harten der geloovigen door de verlichting van den H, Geest hebt onder» wezen, geef. dat wij door denzelfden Geest al

ocr page 84

wat reeht is smaken, on ons altijd in zijne vertroostinj; mogen verhengen. Door onzen Heer Jesus Christus , uwen Zoon , die met u leeft en heerscht in de eenheid van denzelfden H. Geest, God, in alle eeuwen der eeuwen. Amen. Onze Vader. — Wees gegroet.

SA 1gt;E BERAADSLAGING.

Snb tnnm pnisidium.

Onder uwe bescherming nemen wij onze toevlucht , o heilige Moeder Gods ; verstoot onze gebeden niet in onzen nood , maar bevrijd ons altijd van alle gevaren, o roemwaardige en gezegende Maagd, onze Oppervorstin, onze Middelares , onze Voorspreekster ; verzoen ons met uwen Zoon , beveel ons aan uwen Zoon , vertoon ons aan uwen Zoon.

Onze Vader. — Wees gegroet.

Gebed tot den Patroon dei' maand.

(gt; God, die mij elke maand een der Hemelingen voor Patroon aanwijst, gewaardig u , door de voorspraak van den Heiligen N., welken ik door uwe goedheid voor Patroon dezer maand heb bekomen, dat ik en al mijne bloedverwanten , vrienden en vijanden , de uitwerkselen uwer genade gevoelen, en dat ik, gewapend

ocr page 85

7'.»

met den bijstand nwer genade, die deugden moge oefenen, welke hij ons door zijn voorbeeld geleerd lieeft. Door Christus, onzen Heer. Amen.

-----♦— -lt;• -g-iSö—♦---

AFLATEN

VEBLEKND AAN DE

GOHGREGATm YAM 0, L, Y.

Volle Allaten.

1. Op den feestdag van den titel der Congregatie.

2. Op den feestdag van den tweeden Patroon der Congregatie.

NOTA. iftl Deze twee filialen kunnen nicl alleen door de Congre-gaoistcn , niaar door aür. andere ffcloovigcn verdiend worden. mits /-Ü biechten, coinraunieeeren en de kapel of bidplaats der Congregatie bezoeken en aldaar bidden volgens de gewone meening.

iOi Beide deze feestdagen mogen met vergunning van den Bisschop np eenen anderen dag gevierd worden , op welken dag men dan ook de voornoemde aflaten kan verdienen. In dit geval mag men eene Missa votiva van den Heilige zingen , al is het ook dat op den verzetten dag een dubbel feest festuio duplex in de Kerk gevierd wordt.

ie) Indien de Congregatie geen tweeden titel of Patroon heeft, kan de Eerw. lieer Directeur alle jaren , met toelating van den Bisschop , een dag naar goedvinden voor den vollen aflaat , onder X0 2 vermeld, uitkiezen.

3. Op den dag dat men zijne opdracht doet.

1. Op de feestdagen van Kerstmis, Hemel-

ocr page 86

HU

vaan, van ChriHtuti, Onbevlekte Ontvangenis . Geboorte, BoocUchap en Hemelvaart van Marin.

Voor deze twee wordt nücpniyk verzocht, dat men bierhte ^ communiceere in de liapcl der Congregatie of in evne andere kerk.

5. Een» per week op den dag , dat de Congregatie vergadering houdt, mits men biechtf-, commnniceere, de kapel der Congregatie bezoeko en daar bidde volgens de gewone meening.

.NOTA. Waar men gewoon is de vergadering na dm middag ^ bonden , kan men dezen aflaat naar verkiezing op denzelidt-n of den volgenden dag verdienen.

6. De volle aflaat, eens per week vergund , kan tweemaal 'sjaarg door de Congreganistea worden verdiend zonder de bidplaats der Congregatie te bezoeken, mits zij eene andere kerk bezoeken, alwaar zij de H. Communie ontvangen , na het afleggen eener generale biecht, hetzij van geheel hun leven, hetzij van den tijd «edert de laatste generale biecht,

7. In het uur des doods.

S. De priesters, met het bestuur der (Jois-gregatiën belast, na ten minste eens voor altijd verlof van den Bisachop hiertoe bekomen te hebben, zoo dikwijls zij de leden of de bedienaars der Congregatiën, die met krankheid overvallen zijn , bezoeken , hen door geestelqke vermaningen helpen , hetzij om de ongemakken der ziekte geduldig te verdragen, hetzij om den dood gewillig van de hand des Heeren te ontvangen, en hen voor een beeld van den ge-kniMten Zaligmaker ten minste driemaal hrt

ocr page 87

81

Onze Vader en Wees gegroet volgens de inzichten van den Pans en van onze Moeder de H. Kerk doen bidden, knnnen aan deze kranken eenen vollen aflaat toepassen op den dag, op welken zij het Allerheiligste Sacrament des Altaars ontvangen hebben.

Allaten van zeven jaren, zoo dikwijls zij een der volgende goede werken verrichten.

1. Het lijk van eenen Congreganiat of van eenen anderen geloovige naar de begraafplaats vergezellen.

2. Bij het luiden der klok , bidden voor de genezing of eenen zaligen dood van den zieke, of voor de rnst der ziel van den doode.

3. De openbare of bijzondere vergaderingen, de goddelijke diensten, geestelijke samenspraken of vermaningen bijwonen.

4. Tegenwoordig zijn bij godvrnohtige oefeningen , welke de Congregatie en hare Bestnnrders voor de zielernst van een overleden Congrega-nist of van een anderen geloovige laten honden.

5. Mis hooren op werkdag.

6. Des avonds, vóór het slapen gaan, zijn geweten onderzoeken.

7. Arme zieken in gasthuizen of elders bezoeken.

8. De gevangenen bezoeken.

c 6

ocr page 88

82

9. Met elkander verzoenen degenen , die in tweedracht leven.

VEBKLAEING.

De leden der Congrcgalieo zullen al ileze aflaten kimnen verdienen overal waar zij zich bevinden, indien zü in de kerk der plaats, waar zij züquot; . of elders, zooals zij kunnen, verrichten hetgeen voorgeschreven is om zulke aflaten te verdienen.

Andere Aflaten.

De Congreganisten kunnen al de Aflaten verdienen , welke verleend zijn aan de kerkbezoeken te Home, mits zij op de dagen, waarop die vallen, de kapel der Congregatie, of in geval van afwezigheid, eene andere kerk of bidplaats bezoeken en aldaar zeven Onze Vader en zeven Wees gegroet godvruchtig bidden.

Aflaten voor de Overledenen.

1. Al de bovengenoemde volle en gedeeltelijke aflaten kunnen aan de geloovige zielen des vagevuurs worden toegepast.

2. Het altaar van al de Congregatiën is geprivilegieerd voor al de priesters, die er Mis lezen tot lafenis der ziel van eenen overledenen Congreganist.

3. Elk Priester-Congreganist, die Mis leest tot lafenis der ziel van eenen anderen Congreganist , kan hetzelfde voorrecht genieten, aan welk altaar het ook zij.

ocr page 89

GEZANGEN

TEB EEBE VAN

3J[ A. I

■ lt;gt;s#€gt;amp;sd-------

i.

Onbevlekte ontvangenis van Maria.

(*) Wijze ; M. n0 6 en N. M. n» 34 (**).

1.

Triomf! de douders slapen. En 't onweer is voorbij;

Heel de aarde juicht herschapen,

Zij ademt eindlijk vrij.

Triomf- en dankgezangen!

De langverwachte Maagd Js onbevlekt ontvangen ! De gonden eeuwe daagt.

(*gt; Zie de Melodieën en de Sietiivc .Hclodicè/i t hoiile uitgegeven

te dezer drokkerö.

C**) M. nüst de Melodieën en S. ,gt;1. de iViouwe Melodieëi» aan.

ocr page 90

84

a.

Triomf! de nac-lit is over ;

De schoonste dageraad Eijst op en glimt door 't loover,

In volle feestgewaad!

Zoo rees en blonk voor dezen

De vroegste regenboog; En 't mensclidom , als verrezen, Zag dankend naar omhoog.

3.

Zoo rijst in vollen luister

Een tempel uit het puin. Ziedaar, daar ligt de kluister!

Hef, Libanon , uw kruin ! Nu rollen van de wangen

De blijde tranen af:

Triomf- en dankgezangen! Wij rijzen ook uit 't graf.

4.

O lelie , die beladen

Met dauw, zoo lieflijk bloeit, Bij doornen, tusschen blaadren Door zonnegloed geschroeid; Vergeet niet de woestijne,

Die door uw gunst herleeft; Gedoog niet, dat ze kwijne, Die u gedragen heeft.

ocr page 91

85

INquot; Ü.

Geboorte vun Maria.

Wijze : M. n» 36 en N. M. n0 21.

1.

De nacht had 't donker floers om 't aardrijk heengeslagen;

Door razemijen voortgestuwd ,

Klom Satan in triomf op zijnen zegewagen ; Het aardrijk siddert nog en gruwt!

Woest uit den afgrond opgevlogen, Op zwarte vleuglen zweeft hij aan Met wraak en bliksemschieteude oogen;

Hij zweert: „het mensohdom zal vergaan !quot; Triomf, nu ligt hij neergedonderd ,

Met dubblen vloek vermaledijd ;

Nu huilt hij eeuwig afgezonderd :

Triomf, hij knarsetandt van spijt.

2.

Wie is die krijgsheldin, die zoo kan zegepralen

En neerslaan de eindelooze ellend P Ik zie het brandmerk nog van hare bliksemstralen

In satans voorhoofd diep geprent.

ocr page 92

86

Hij schuimbekt vruchteloos van woede ;

Heel de aarde looft de krijgsheldin , En noemt haar minnelijke , algoede

En nooit volprezen koningin.

Triomf! enz.

3.

Het is des eeuwgen Zoon, bekleed met alvermogen ,

Die, op het aardrijk neergedaald , Den vrede wederachonk; maar wie had hem bewogen En over God gezegepraald F Is zij 't niet, die , vandaag geboren , De hemelwraak heeft vergenoegd ,

En zoo die eeuwge bliksemvoren In satans voorhoofd heeft geploegd ? Triomf! enz.

4.

Zoo zweept in d'onweersnacht het waterrijk verbolgen,

Het schuim der baren naar omhoog ; En lustig blinkt op eens voor reiz'gers , schier verzwolgen ,

De liefelijke maan in 't oog.

Het onweer vlucht; de schepen vliegen

Den afgrond over zonder schroom, En mogen zich wellustig wiegen,

Ala op een stillen vredeatroom.

Triomf! enz.

ocr page 93

87

5.

O Opperkoningin van Hemel en van aarde,

Strek op ons uit uw milde hand,

Die 't mensehelijk geslacht van slavernij bewaarde,

En neem ons hart, dat voor u brandt, 't Is 't uwe , Moeder, 't moet u 't leven ,

Ja, 't moet u alles wijten dank ;

Ontvang het zonder 't weer te geven ,

Het wordt almogend , schoon zoo krank. Triomf! enz.

Nquot; 3c

Boodschap van Maria.

Wijze : M. n0 7 en N. M. nquot; 8.

1.

Maria's hart, door liefdebrand Voor 'tmensehelijk geslacht verslonden. Had nauw naar 't hemelseh Vaderland Haar wensch. gevleugeld opgezonden ,

Of ziet, met heerlijkheid omstraald , Uit Sion's zaalge lustpriëelen,

Daar komt een Engel afgedaald; Zij schrikt... doch hoort naar zijn bevelen.

ocr page 94

88

2.

DB ENGEL.

Ik groet u, godd'lijk heiligdom O schoonste werk van 't Alvermogen !

De voorbestemde tijd is om,

En de voorzegging is voltogen.

God is met u; uw zuivre schoot, Die den Messias gaat ontvangen,

Zal 't menschdom redden van den dood Zoo luidt het goddelijk verlangen.

3.

11 A EI A.

Wel hoe! 'ksta van verwondering stom Hoe, de Messias zijn geboren

Uit mij , die God tot Bruidegom, Van kindsche dagen heb verkoren?

God is een wellustbron voor mij; Wat kan mijn harte meerder vragen ,

Dan in die zoete slavernij Te blijven al mijn levensdagen ?

4.

DE ENGEL.

't Is juist daarin, dat God zijn vreugd gt; Zijn welbehagen heeft gevonden;

Nu wil hij loonen uwe deugd : üw maagdom zal niet zijn geschonden;

ocr page 95

89

En , brengt gij den Messias voort, Uw zoet geluk zal nog vermeeren.

M A E I A.

Dat mij geschiede naar uw woord , Ik ben de dienares des Heeren.

5.

Zij zweeg, en 's Hemels afgezant Vloog juichend in de hoogte weder.

De Heiige Geest, vol liefdebrand ,

Daalt op de Maagd der maagden neder;

Het lichaam van 't almogend Woord Is in haar znivren schoot ontvangen; In 't hemelhof, met vol akkoord ,

Weergalmen nieuwe lofgezangen.

--

INquot; 4.

Zniveringsfeest van Maria of Lichtmisse.

Wijze: M. n» 8 en N. M. n0 1.

1.

Verstomt, o volkren , voor dit wonder : Aanbidt Gods opperheerschappij !

De wet gebiedt.....de Wetverkonder,

De Heiland koopt zich zeiven vrij!

ocr page 96

90

Ziet haar tot 's Heeren tempel komen ,

Wier arm het godd'lijk Wichtje draagt; Ziet Jesus' Moeder, zonder schromen, Hem offren, dien de wet haar vraagt.

2.

Zij komt: ziedaar, drie offers sneven

Voor één en 'teigenste altaar neer: De vrome grijsaard schenkt zijn leven,

De Moedermaagd haar maagd'lijke eer, En 't godd'lijk Kind zijn teedre leden.

„ O Maagd, hoe wreedlijk zal nw hart „ Van nu af voortaan zijn doorsneden „ Door 't ijselijke staal der smart!

3.

„ Wat slachtbank is dit Lam beschoren !

„ Welk bloedig altaar wacht het af, „ Dit Eind, uit uwen schoot geboren !

„ Maar zoo rijst 't menschdom uit het graf.quot; Lof, eer en dank zij God den Vader,

Lof, eer en dank zij God den Zoon, En God den Heilgen Geest te gader : Onz' harten zqn onze ofTerkroon.

ocr page 97

91

jV» S.

Naamfeesl van Maria.

Wijze : M. n0 9 en N. M. 11° 26.

1.

Uw zoeten naam,

Maria , 'k heb dien 't eerst geweten ;

Uw zoeten naam Aanriep ik al de li andjes aaam , Nog staanilend in de wieg gezeten, En 'k zal in 't doodsuur niet vergeten Uw zoeten naam.

Uw zoete naam Is allerliefst muziek in de ooren;

Uw zoete naam Is meer dan honing aangenaam. De duivlen kunnen hem niet hooren ; Hij is het merk der uitverkoornen , Uw zoete naam.

Uw zoete naam Staat eeuwig in mijn hart geschreven.

ocr page 98

92

Üw zoete naam Is zielespijs en drank te zaam. Hoe troostelijk verlaat ik 't leven!

Nog op mijn doode lip zal zweven Uw zoete naam.

UN» «J.

Maria onder het krnis.

Wijze : M. n» 10 en N. M. n» 4.

1.

Droef stond de Moeder neergebogen , Benevens 'tkruis, dat Jesus droeg; De tranen rolden uit haar oogen,

Die ze onbeweeglijk op Hem sloeg. Ach dan ! wat moet er in dit harte,

Dit moederhart, zijn omgegaan ! Hoe moest het grieven, 't zwaard van smarte! Hoe treurig ziet zij Jesus aan !

„ Ach , zucht ze, mocht ik zelve sneven !

„ Wat heeft mijn Jesus toch misdaan P „ O Jesus ! leven van mijn leven !

„Hoe ziet me uw stervend oog nog aan !quot;

ocr page 99

93

Wie zou zijn hart niet voelen scheuren , Als hij die goede Moeder ziet

Zoo bitterlijk haar Zoon betreuren En overstroomen van verdriet!

3.

Helaas! 't is voor onze eigen zonden, Dat Jesus aan het vloekhout hangt,

En , afgemarteld door de wonden ,

Naar eenen druppel vochts verlangt.

Bedrukte Moeder, bron van liefde, Wat tranen heb ik u gekost!

Ach, of uw droefheid dwars doorkliefde Mijn zondig hart, zoo duur verlost!

4.

Doordrongen nu van medelijden,

En met u snikkend om uw Zoon,

Geef dat ik deelneme in uw lijden En onophoudlijk rouw betoon';

Maak dat mijn hart, geheel verslonden In goddelijken liefdegloed.

Verborgen in uws Jesus' wonden, Al mijne ondankbaarheid vergoed'.

----gt;M®H«---

ocr page 100

94

rvo T-.

Stabat Mater Dolorosa.

Wijze; M. nquot; 11 en N. M. u0 5.

1.

Naast het kruis met schreiende oogen Stond de Moeder, diep bewogen ,

Waar de Zoon doomageld hing;

ïoen door ziel en zuchtend harte. Overstelpt van wee en smarte, Een doorborend slagzwaard ging,

2.

Hoe bedrukt, hoe neergeslagen ,

Moest die teedre Moeder klagen

Om Gods eenig Kind, haar Zoon! Ach ! hoe streed zij , ach! hoe kreet zij , En wat boezempijnen leed zij ,

't quot;Roemrijkst Kind aan 't kruis ten toon

3.

Wie kan tranen wederhoiien,

Jesua' Moeder zoo aanschouwen

Door zoo grievend leed verscheurd ?

ocr page 101

95

Wie kan zonder diep erbarmen, Jesus' Moeder hooren kermen, Daar zij haren Zoon betrenrt P

4.

Voor de zonden van de zijnen Zag zij Jesns zóó in pijnen ,

Door de felle geeselstraf; 't Dierbaar Kind zag zij hier lijden Gansch verlaten dood'lijk strijden, Eer de geest Hem nog begaf.

5.

Geef, o Moeder, bron van liefde. Dat ik 't leed , dat u zoo griefde,

Met u voele en met n klaag; Dat zijn gloed mijn harte winne, Dat ik Jesns, Godmensch, minne, Dat ik ook aan Hem behaag.

6.

Heiige Moeder , wil mij geren Wonden, diep in 'thart gedreven: Jesns' krnis zij steeds mijn doeL Dat ik, schuilende in zijn wonden Dns gefolterd, om mijn zonden, Deelend zijne smart gevoel.

ocr page 102

96

Mocht ik klagen al mijn dagen , Waarlijk al die smarten dragen ,

Tot mij 't sterfuur overviel!

Mij bij 't kruis met u vereenen,

Met u sterven , met u weenen,

'tls de wenach van mijne ziel.

8.

Maagd, der maagden roem en zegen! Wees, ach wees mijn zucht niet tegen Gun mij , dat ik met u klaag. Doe mij strijden, doe mij lijden Christus' striemen langs de zijden : Dat ik steeds daarvan gewaag !

9.

Doe mij door die slagen wonden, Dronken van dit kruis, verkonden, Wat de liefde uws Zoons vermag: 'k Ben ontvlamd , in liefde ontsteken; Wil toch zelve voor mij spreken In den jongsten oordeelsdag.

10.

Doe mij door het kruis bewaren ; Jesus' kruisdood moet mij sparen. Wiens genade mij verheugt.

ocr page 103

97

Als mijn lichaam komt te sterven .

Geef, dat mijne ziel mag arren Hemels glorierijke vreugd.

Het lijden des Heercn.

Wijze : N. M, ii0 90.

1.

Het uur van pijn , liet unr van amarte , Geliefkoosd uur voor Jesus' Harte ,

Uat uur, zoolang verbeid , begint.

Want zijne liefde deed Hem wensohen Naar pijn en dood , tot heil der menschen, Die Hij tot 't uiterst heeft bemind.

2.

Jien bloedig zweet druipt van zijn leden Op 't zien der ongerechtigheden

Van 'tmenschdom, waar Hij nu voor lijdt; 't Gewicht der Hem bereide pijnen , Die altegader Hem verschijnen ,

Verzwaart zijn doodelijken strijd.

3.

DochJ, schoon zijn krachten Hem ontzinken , Den laatsten druppel zal Hij drinken Van dezen kelk, Hem aangeboön ;

H'j laat zich grijpen , binden , sleuren , Met doorn en geesel zich verscheuren .

Zich tergen met geschimp en hoon. o. 7

ocr page 104

us

4.

Geheel zijn schoonheid is verdwenen , Een worm gelijk heeft Hij geschenen ,

Hij is volstrekt niet kenlijk meer. En wreeder nog aan 't kruis geklonken , In lijden zonder peil verzonken ,

Sterft Hij : o mensch, nw God en Heer!

ö.

Hij sterft!... natuur brengt Hem haar hulde... De menech , ontslagen van zijn schulden ,

Is in een nieuw verbond geleid.

„ God heeft zijn Zoon ten zoen gegeven Zoo juichen wij in blij hei-leven ,

„ Geloofd zij Hij in eeuwigheid !quot;

--------

]Mquot; 1».

Heilig Hart van Maria.

Wijze: N. M. u» 19.

1.

Gelukkig zij , die hun betrouwen gronden

In 't minlijk hart der reine Moedermaagd, En daar een rust en zoete woning vonden, Die satan zelf den schrik in 't, harte jaagt! O zoet , o minlijk Harte, In blijdschap en in smarte ,

Sinds dat ik u tot mijne schuilplaats koos, Gij waart, gij zijt, gij blijft mijn rust altoos.

ocr page 105

99 2

1 Ü teeder hart, daar 't zwaard zoo wreed in werkte,

Wanneer gij leedt bij Jesus onder quot;t kruis; | Gij zijt mijn troost, mijn wellust en mijn sterkte, Hoe ook de wind der tegenspoeden ruisch'. O zoet, o minlijk Harte, enz.

3.

1 Geruste schans, door de Almacht zelf gewapend ;

O heiligdom van vrede en liefdegloed , | Waar Jesus' hoofd zoo zachtjes lag op slapend. En vredevol ons harten rusten doet.

O zoet, o minlijk Harte , enz.

4.

Geen dageraad kan liefelijker pralen :

Gij spreidt uw glans, gelijk een heldre maan. Als milde zon, alom uw zegestralen ,

En nimmer roept u iemand vruchtloos aan. Ü zoet , o minlijk Harte , enz.

Sla neer op ons uw medelijdende oogen ,

Bied uwen Zoon ons hartverlangen aan ; O zoete Maagd, Hij zal ons tranen drogen ; Een moeder kan geen weigring ondergaan. O zoet, o minlijk Harte, enz.

ocr page 106

100 6.

O zoete bron , die overstroomt van zegen , Het is op n , dat onze zwakheid hoopt. Kom ons te hnlp , en snol vooral ons tet'en , Als langs do wang het koude doodzweet loopt. O zoet, o rainlijk Harte , enz.

Nquot; lO.

Hemelvaart van Maria.

Wijze: M. u0 en X. M. uquot; 1().

1.

Triomf; hare oogen zijn geloken,

Triomf, de goddelijke min Heeft hare kluistei-s losgebroken.

Daalt, Englen '. ziet . uw Koningin Rijst op door 't maatloos rnim der HeemIen

Jn Sions eeuwig vreugdehof.

O God , wat glans ! mijn oogen scheemren! Hoort, hoe verrukkend galmt haar lof.

2.

Jvu zwemt zc in wellust opgetogen ,

Verslonden in het grondloos licht: Zij staart met liefdetraan in de oogen En met een glinstrend aangezicht

ocr page 107

101

Van bij de trodlieid aan . verheven ,

Zoo hoog men nooit een schepnel zag. Maar 'k zwijg ; het is mij niet gegeven . Te zingen zulk een grooten dag.

rv- ii.

Hemelvaart van Maria.

Wijze : N. M. li0 15.

Omringd van de Englenschaar en glanzigste jnweeleu ,

Bestijgt de Maagd haar glorierijken troon; Haar kroost om haar zien vormen hare kroon; Ziedaar den zoeten wensoh , die nog haar hart kan streden.

1.

Erken , gezeten in Gods vreugd ,

Igt;e stem van uw vergaarde lievelingen , Wij willen niet alleen nw zegepraal bezingen , Wij wijden u ook onze jeugd.

Gij deedt ons hart in liefde ontvonken ; Het moet aan u dan zijn geschonken , Verslonden ganech in liefdegloed : Het kan , liet zal zoo zijn , het moet. Omringd van de Englenschaar, enz.

ocr page 108

lOÜ

't Is in nw hart , dat wij voortaan Een zoet verblijf, een schuilplaats zullen vinden. En altoos vaster ons aan deugd en heil verbinden. Met teedre liefde u toegedaan.

O beste Moeder . n te minnen , üit ganseher harte, ziel en zinnen,

.Dit is de vurige begeert ,

Die dag en nacht ons ziel verteert. Omringd van de Englenschaar , enz.

3.

Hoelang, o Moeder , moeten wij Den lauwerkrans der heerlijkheid nog derven ? Ach , mochten wij welhaast dit groot geluk verwerven ,

En zien uw schoonheid van nabij ! Wat wellust zullen wij dan proeven !

Vliedt dagen , vliedt! waarom zoo toeven r Wij zuchten naar dien blijden stond ; Dan zingen we u met dankbren moud. Omringd van de Englenschaar , enz.

ocr page 109

103

INquot; IS.

Engelsche (jroelonis.

Wijze; M. nquot; 13 en N. M. u® 77.

1.

Wij groeten u met alle liemelkoren, Wij loven u, Maria, duizendmaal. God heeft uw hart tot lustprieel verkoren , En buiten God, zwicht alles voor uw praal.

Wij groeten u , o luister aller vrouwen i

En onder allen 't meest gebenedijd ; We aanroepen u met kinderlijk betrouwen ; Gij zijt onz' hoop, onz' Moeder voor altijd.

3.

Gij , overstroomd van goddelijkeu zegen ,

Gebenedijd doer Jesus , uwe vruc-ht.

't Geen overvloeit, maak dat het ons beregen, Woestijne , die naar lovend water zucht.

4.

O wondre Maagd, die uwen Schepper baarde. Kom ons ter hulpe , nu en in dien stond , Dien laatsten stond, als nog uw naam. op aarde Vertroostend zweeft op onzen veegen mond.

--KX--

ocr page 110

lOi 13.

hof van Maria en geluk in haren dienst,

quot;Wijze: N. M nu 61.

1.

O wat geluk , een kind te zijn Van Jeansquot; minnelijke Moeder!

Zij is zijn hnlp in nood en pijn ,

Zij geeft hem Jesus zelf tot broeder.

Het kan zijn vijand stout versmaan ,

Zijn voorhoofd prijkt met 't woord : verkoren t

Maria's kind verloren gaan ?

Keen , neen, kaar kind ging nooit verloren,. Zoolang haar onze mond kan roemen, Zoolang ook zullen wij te zaam , Vereenigd in haar heiligen naam, Maria onze Moeder noemen.

2.

Maria's alvermogendheid Bij haren Jesus kont geen palen ;

En wie kon ooit haar teederheid Met uardsche woorden achterhalen ?•

Een enkle blik van deze Maagd Doet gansch het heir der helle beven ;

Kauw heeft zij Jesus hulp gevraagd . Of 's vijand» benden zijn verdwenen. Zoolang , enz.

ocr page 111

105

3.

O ceuwge vreugd vau 't Hemelrijk .. Vorstin der negen Englenkoren,

O wonder van liet aardache rijk , Wat heil, door u te zijn verkoren ,

Om, in een broederlijken band , Uw schoone deugden na te streven ,

En in uw dienst oen onderpand Te vinden van het eeuwig leven ! Zoolang , enz.

4.

Mocht ik, ten koste van mijn bloed,. De harten aller stervelingen

U bieden , vo! van liefdegloed , Als offers van beschermelingen !

Ten minste 't onze , u toegewijd . Zal altijd uwe goedheid roemen ,

U , duizendmaal gebenedijd ,

Ü eeuwig onze Moeder noemen.

Zoolang , enz.

ocr page 112

106 INquot; 1-4:.

(«eluk dor ('ongrciraiiisteti.

Wijze: M u0 39 en N. M. u0 63.

1.

O zoet ^onot van 't heilis; kuis des Heei'en , Waar, rond 't altaar, de reine Moeder-Maasrd

Haar mantel spreidt om die haar komen eeren, En Jesns toont, dien ze op haar armen draagt!

Wat zoeten zegen Stort ze op ons uit ,

Als zomerregen

Op het versmachtend krnid !

2.

'k Wil hier 't gewoel der wereld gansch vergeten, Die voor de jeugd verleidingsrozen strooit,

In stille rust voor uw altaar gezeten ,

Maar , Moeder , u , neen , u vergeet ik nooit.

Wat zoeten zegen, en/,.

3.

Gij , die alreeds^de wakende Englen schaarde Kond onze wieg, eer zich ons oog ontsloot.

O Koningin 'van Hemel en van aarde , Wij blijven u getrouw tot aan den dood.

Wat zoeten zegen, enz.

-------------

ocr page 113

107 JN° IS.

(iellik dftr (Jong: reg:aiiist«ii.

Wijze : M. nc' 14 en N. M. n0 63.

1.

Juiulit, JuicUt met ons, o liemelinijen !

Wij zijn Maria toegewijd , Die nimmer haar beschermelingen

Zal laten zwichten in den strijd'. O stond van heil en zegeningen ,

Die over ons haar mantel spreidt! Laat ons te zaam Maria zingen ,

Maria , zoo vol minzaamheid !

'tls zij, die onzen Albehoeder,

Als schepsel bracht deu Schepper voort Zij, die als Dochter , Brnid en Moeder ,

Naast aan de Godheid toebehoort. O stond van heil , enz.

3.

't Ia zij , die ons met moederoogen Bewaakt van haren glorietroon ,

En wier gebeden al vermogen

Bij Jesns, haren lieven Zoon.

O stond van heil, enz.

ocr page 114

1(18

■1.

'tis xij . die, a)s de woeste baren

Ons slingeren op klip en strand , Als tbnklend zeester de gevaren

Verdrijft en toont ons 't vaderland.. O stond van heil , enz.

5.

Haar uaam zij dan in ieders harte Geprent met letteren van vuur, En nooit vermindren tijd nog smarten.

Een liefdegloed , ons hart zoo duur. O stond van heil, enz.

jno iegt;.

(ieluk der Coiigreganistoii.

Wijze : M. ii0 S en N. M. n0 64.

1.

Gelukkig hij , die alle dagen

De koningin der Englen dient, Die, met de Moeder te behagen ,

Den Zoon ook heeft tot besten vriend. De wereld kan hem niet verleiden , De vrede woont in zijn gemoed :

In1 Iets kan hem van zijn Moeder scheiden Hoe dreigende do hel ook woed'.

ocr page 115

2_

'O weroldling, uw gansche glorie Zinkt in do dnistemis van 't graf.

Maria's kind zingt daar victorie En legt het stofkleed vroolijk af.

Geen vreeze kan zijn wang ontverven . Zijn hart is rein en kalm ; hij zag

Zijn leven wolkloos vlièn ; zijn sterven Is 't einde van een schoonen dag.

3.

De \ uist aan 't vaste roer geslagen, Trotseert de stuurman 't golfgeklots ,

En stoot niet, hoe de stormen jagen , Met wand of kiel op ijzren rots ;

Dus , 't biddend oog tot n verheven . Volhardt nw dienaar blij en vrij,

En tergt, wanneer er duizend beven , Des afgronds list en razernij.

4.

Heersch , Koningin der hemelscharen Heersch over ons , u toegewijd.

Hij moet de wereld laten varen, Die voor uw zegevaandels strijdt.

Gij kunt de booze driften teuglen , En ons verheffen boven 't slijk ;

Spreid over ons begcherminggvleuglea , En voer ons op naar 't eeuwig rijk.

ocr page 116

110 lquot;r.

Veiligheid in den dienst van Maria.

M ij/c : N. M. nquot; 5b.

1.

Gelukkig zij , die in dit korte leven ]n gunste bij Maria staan ;

Door melken storm op 's werelds zee gedreven Kon ooit het kind dier Maagd verloren gaan ? Aanriep men ooit, uit 't slijk der zonde ,

Vergeefs haar naam tot zielsbehoudenis ? Keen, nooit, hoe diep men zinken konde, Vergat zij , dat ze onz' Moeder is.

2.

Doorloopt, doorzoekt van 't noorden tot het zuiden ,

Van oost tot west het aardsoh gebied ,

En zegt ons, wat die pronkgebouweu duiden, Die 't vragende oog alomme ziet ?

Getuigen zij niet aan onze aarde En toonen zij niet zonneklaar ,

Hoe zij haar kindren steeds bewaarde Van zonden , onheil en gevaar P

ocr page 117

Ill

3.

Ik smeek u dan, o mijne Koningiune,

Mijn hoop en Heide , vreugd en rust,

Geef, dat ik u steeds meer en meer beminnc; Dit is mijn wen soli , mijn hartezuolit en Inst. Ach lieve Moeder, als ik dale

Ten grave neder, o, verwerf,

Dat ik in 't strijden zegeprnle ,

En juichend in uw armen sterf.

rs'o

Voordeeleu in den dienst van Marl».

Wijze. : N. M. uquot; 57.

1.

Hoe verrukkend zijn de stonden , Waarop 't krachtelooze kind

In Maria heeft gevonden

Eene Moeder , die liet mint!

Nu, nu kan 't zich stout verzotten Tegen 's vijands snooden band ,

En geheel zijn heir verpletten Door Maria's onderstand.

Slotrijm.

O Moeder, schenk aw kindren Den schoonen zegekrans Van eenwgen hemelglans ,

ocr page 118

112

Den krans, dien nooit zal himlrcn De rooigezinde tijd,

Die hier ons heil benijdt.

Zalig, die te allen tijde

Onder karen mantel schuilt: 'tis vergeefs, dat aan zijn zijde

De open afgrond hongrig huilt: Hem zal zij zich Moeder toogen ,

Hem met gunsten overlaan , Hem de bittre tranen drogen ,

Hem doen wandlen 's Hemels baan. O Moeder , schenk , enz.

3.

Voelt gij uw geweten knagen ,

Beeft gij , zondaars, voor uw lot Op den laatsten dag der dagen ,

Hoopt! uw Moeder pleit bij God. Laat de rouw uw harte drukken ,

Breekt den slafelijken band ,

En de donders zult ge ontrukken

Aan des Hechters gramme hand. O Moeder , schenk , enz.

4.

Hebt gij de onschuld ongeschonden En in vollen glans bewaard ,

ocr page 119

113

Heeft uw voet het spoor gevonden,

Dat ook zij betrad op aard,

Komt dan hier de voorproef smaken

Van de zoete hemelvreugd;

Komt dan altijd voor haar blaken,

't Oog gevestigd op haar deugd. O Moeder, schenk , enz.

——»aggt;Slt;gb——---

N° lO.

Aanroeping van Maria.

Wijze : N. M. n0 30.

1.

O lieve Moeder van den Heer, Ontvlam in liefdegloed Ons gemoed , ons gemoed, meer en meer.

2.

Die niet door dezen gloed wil blaken, Erkent gij zulk een voor uw kind P En die voor ijd'le schijnvermaken Dit waar geluk geheel verzaken,

Zijn zij niet ziende blind P

O lieve Moeder, enz. o 8

ocr page 120

114

3.

Het helsch gebroed en wereld saamgezworen ,

Betrachten niets dan onzen ondergang;

Maar nimmer gaf nw kind den moed verloren: Uw voet verplet den kop der helsche slang. O lieve Moeder , enz.

Gelukkig zij , die al hnn levensdagen

U wijden met een vroolijk maatgezang; Die nwen naam in 't gloeiend harte dragen , En n alleen behagen !

O lieve Moeder , enz.

IN» SO.

Salve Begina.

Wijze : M. nü 13 en N. M. n0 73.

1.

Wij groeten n, Vorstin van alle volken ,

quot;Wier lof zoo hoog bij de Englenschare klinkt. Die vóór u drijft op glanzig witte wolken , Daar vreugdetraan in de opziende oogen blinkt.

2.

Wij groeten u , onz' hope, lust en leven,

TJ, dageraad in d'eeuwig donkren nacht, TJ, lieve duif, die elk zoo blij zag zweven, Toen ge aan 't heelal den vrede-olijftak bracht.

ocr page 121

115

3.

Het is tot u, dat wij ons zuchtend wenden,

quot;Wij , Eva's diepgewonde nageslaeht; Wij , erfgpnamen van zooveel ellenden, quot;Wij , ballingen; verstoot niet onze klacht.

4.

Sla neer op ons die medelijdende oogen,

Die n alleen, o Moeder, eigen zijn; En weiger niet ons Jesus zelf te toogen; Een enkle blik zal heelen onze pijn.

Gij zijt zoo goed, o lieve, o beste Moeder,

En gij verstaat ons barteznobt zoo wèl; Verhoor ons toch: is Jesus niet onz' Broeder,

En wij uw schat, ontwoekerd aan de helP

——----

IN» SI.

Toewijding aan Maria.

Wijze: M. n° 3 en N. M. n0 51.

1.

Moeder vol van teederheid ,

Vol van zoete majesteit.

Ons leven, hoop en vreugd ,

U wijden we onze jeugd.

ocr page 122

116

2.

Ja onz' gansche levenstijd , Moeder, zij n toegewijd ; Dan wachten wij voor loon Een onverwelkbre kroon.

3.

Die zijn leven n maar schenkt, Door den ouderdom gekrenkt, Schenkt een verwelkte roos, Beroofd van geur en bloos,

4.

Ook van awe teedre jengd Bloeidet gij in reine deugd; Dit noemt men niet in schijn, Maar echte kindren zijn.

5.

Geef, o lieve Moeder, geef. Dat in ons uw liefde leev', Getrouw in vreugd en nood, Getrouw , ja, tot den dood.

ocr page 123

117

N» «S.

Vreugde der kinderen Tan Maria onder hare bescherming.

Wijze : M. n0 51 en N. M. nquot; BO.

1.

Kindren van Maria ,

Zwaait de zegevaan ;

Zingt het allelnja,

Nooit kunt gij vergaan !

2.

Uit haar open handen Vloeit een zegenstroom ;

Maar op zielsvijanden Slingren zij den schroom.

Kindren van Maria , enz.

3.

Leger in slagorde Vol ontzaglijkheid ,

O ! verplet de horde ,

Die ten afgrond leidt.

Kindren van Maria , enz.

ocr page 124

118

4.

Voorbodin der zonne Schoone dageraad,

Die 'k mijn harte gonne, Met een blij gelaat.

Kindren van Maria, enz.

5.

Licht in dnistemiBgen, Liefelijke maan;

Ean men 't voetpad missen , 't Oog op u geslaan P

Kindren van Maria, enz.

6.

Mild in zegestralen,

Zonne der natuur.

Moeder , kom ons halen, In ons stervensuur.

Kindren van Maria, enz.

ocr page 125

119

Nquot; S3.

Dankzegging aan Maria.

Wijïe : N. M. u0 fi6.

1.

Ik dank u , die 't leven Ons weer hebt gegeven ,

O Moeder vol zoetheid,

Die paalt aan de Godheid in macht en in goedheid.

Maria ! wier oogen,

Zoo vol van meedoogen ,

Nooit laten ons gade te slaan ; Ook nooit zal uw liefde in onz' harten vergaan.

2.

Ik dank u, enz,

O Moeder der minne ,

Onz' znivre lust en onz' hartevriendinne.

Maria , wier oogen , enz.

3.

Ik dank n , enz.

O Moeder van vreugden, Verrukkende toonbeeld van tallooze deugden. Maria, wier oogen , enz.

ocr page 126

120

4.

Ik dank u, enz.

O Moeder vol wonders ,

Die Maagd bleeft en baardet den Meester dea Maria, wier oogen , enz. (donders.

5.

Ik dank u, enz.

Maria, wier handen Onz' vijanden keetnen met eeuwige .banden. Maria, wier oogen , enz.

6.

Ik dank u , enz.

Maria, wier blikken Als levende bliksems, den afgrond verschrikken. Maria , wier oogen , enz.

7

Ik dank u, enz.

O Moeder van zegen ,

Kom snellend op 't einde des levens ons tegen. Maria , wier oogen , enz.

ocr page 127

121

IN0 »4.

Betrouwen der Congreganisten op Maria.

Wijze : M. n8 17 en N. M. n0 60.

1.

Triomf! Maria's kindren „

Uw Moeder heeft gezegepraald!

Wat vijand kan u hindren P Zijn woede is nn bepaald.

De vrede en de gerechtigheid ,

Zijn d'aardelingen toebereid :

Triomf, Maria's kindren ,

Schept vrengd in veiligheid.

2.

Moet gij nog oorlog wagen Met wereld , vleesch en helsch gebroed P

Zij komt u onderschragen ,

Door kracht en heldenmoed.

De vrede , enz.

3.

Vreest niet de woeste baren Op de ongestnime wereldzee;

Zij zal nw kiel bewaren Voor schipbrenk , angst en wee.

De vrede, enz.

ocr page 128

122

4

Na kort en weinig streven, Verwacht n 's Hemels lauwerkroon;

Door haar in 't ander leven,

Erft gij een eeuwig loon.

De vrede, enz.

INquot; Sö.

Belofte van getrouwheid aan Maria.

Wijze N. M. n» 55.

Maria, nooit volprezen , Onz' hulp en troost in allen nood. Wij zweren u te wezen Getrouw tot in den dood.

1.

Gedoog, dat wij, ellendig stof, Vereenigd met het Hemelsch hof. Uitgalmen uwen zoeten lof;

Van in onz' kinderjaren Gevoelden wij uw zorg eu vlijt; Uit duizenden gevaren

Heeft ons uw hand bevrijd.

ocr page 129

12S

2.

O groot verwantschap, dat u bindt P De Vader kent in n zijn kind,

Wijl n de Zoon als Moeder mint;

En , rijk in deugdenschatten ,

Zijt gij de bruid des Heiligen Geest ; Wie kan uw grootheid vatten ,

Tenzij in 't eeuwig feest P

3.

Gij zegepraalt en heerscht bij God; Uw wensch is Hom een zoet gebod ;

En in uw handen rust ons lot.

Ver boven de Englenkoren ,

Verheerlijkt door uw Zoon, vindt Gij Uw lust in ons te aanhooren ,

Te zien van rampen vrij.

4.

Nooit heeft een mensch , hoe fel gekweld , Door aardsche ellende of helsch geweld. Vergeefs op u zijn hoop gesteld ;

En vroeg men naar bewijzen ,

Er zou een algemeen geschreeuw Door heel de wereld rijzen ,

Vernieuwd van eeuw tot eeuw.

ocr page 130

124

n» se.

Volharding in den dienst van Maria.

Wijze : N, M n0 56.

1.

Gij voor het heiligdom der Godheid neergebogen, O SerafB, die, gedaald uit 't grondelooze licht. Met gouden vleuglen dekt aw glinstrend aangezicht ,

Die 't driemaal-heilig zingt, in wellust opgetogen ; Getuigt den heilgen eed, gezworen voor't altaar;

Zoolang een druppel bloed zal door ons aadren zweven ,

Staan wij Maria voor en wij beminnen haar,

Haar, onze Koningin, haar, ons geluk en leven.

2.

Dat rondom, als een leeuw, die dreigt met fonklende oogen ,

De helsche vijand briesche en zoek', wien hij verslind',

Maria's wakend oog rust altijd op haar kind.

En 't kind belacht den schroom, bespot het helsch vermogen.

Elkeen herhaal' den eed, enz.

ocr page 131

125

3.

In Oost, Noord, Zuid en West wordt haar triomf gezongen;

Met eenen sterken hiel vertrad zij 't slangen-

hoofd ;

Zij heeft des afgronds macht een rijken buit ontroofd;

Den onderaardschen vorst zijn ijzren staf ontwrongen.

Elkeen herhaal' den eed, enz.

4.

Wij ook dus, onbeschroomd, trotseeren hel en wereld,

Ja, wij vertrappen ze ook manhaftig met den voet,

Terwijl ons hart voor haar in zuivre liefde gloedt,

En nit het opziende oog erkentnistranen parelt. Elkeen herhaal' den eed, enz.

js° ar.

De Congreganisten tot Maria.

Wijze : N. M. nquot; 59.

1.

O Moederlief, wees ons indachtig.

Stel onze smeeking voor aan God,

Al uw gebeden zijn almachtig;

Ai uwe wenschen zijn gebod.

ocr page 132

126

O Moederlief, spreek toeh voor ons ten beste.

Dat Jesus ons van alle zonde ontsla , In zijne liefde ons meer en meer beveste, En eenmaal sterven doe in zijn gena.

Verkrijg dit, goede Moeder,

En onze wenschen zullen zijn voldaan. Maria, beste Moeder,

Ach, moge toch ons hart, van alle vrees ontslaan, U vuriglijk beminnen nu voortaan'

2.

O Moederlief, wij zijn uw kindren !

En onz' behoeften zijn zoo groot!

Spreek maar één woord, niets zal ons hindren.

Ja, met één woord zijn we uit den nood; O Moederlief, spreek, enz.

3.

O Moederlief, in vreugdepsalmen

O , mochten wij uw zoeten naam , Van nu af aan doen wedergalmen, Met heel het Hemelhof te zaam. O Moederlief, spreek, enz.

ocr page 133

127

1M° SS.

Aye, maris stella.

Wijze: N. M. n0 74.

1.

Volglanzige ster op de baren ,

Al davert de mast als een riet, O toevlucht in alle gevaren,

• Wij vreezen de onstuimigheid niet.

Waar 'took dat de zeilen vlogen

In stukken door de ruime lucht'.

Slaan wij maar op u onze oogen,

Daar op uw wenk het onweer vlucht Volglanzige ster, enz.

2.

Gij hebt 't Hemelrijk ontsloten ,

O wondre Moeder, altijd Maagd ! Ons met zegen overgoten

En 't doodlijk vonnis uitgevaagd , Volglanzige ster, enz.

3.

Eva schonk weleer ons 't leven,

Maar ach! zij bracht ons ook den dood. Moeder! gij kunt beter geven,

Gij geeft de vrucht van uwen schoot. Volglanzige ster, enz.

ocr page 134

128

4.

Moeder Gods, toon alle stonden Dat gij ook onze Moeder zijt:

Breek de banden onzer zonden

En blijf onz' vesting in den strijd. Volglanzige ster, enz.

5.

Maak, dat ook uw kind zoetaardig

En zuiver als nw harte zij;

Zijn wij znlken naam niet waardig, Gij blijft toch Moeder, sta ons bij.

Volglanzige ster, enz.

----»*«-

Magnificat.

Wijze: N. M. n0 75.

1.

Loof, mijne ziel, den Heer, in vreugdestroom verslonden,

Hem, wiens zoo gunstig oog uw nedrigheid aanziet.

't Is Hij, die van hun troon de trotsohe vorsten stiet.

ocr page 135

129

Mij maakt Hij Moeder Gods, en laat mij onge-schonden.

Loof, niijnc ziel, den Heer, en juich in uw peluk;

Uij lieeftzijn dienares pewaardipd te besrlioun en.

O zepen zonder grens! heel de aarde is uit den druk ;

Aan God zij volle roem , op Hem zij mijn betrouwen !

a.

ïTn zullen mij voortaan de volkren zalig noemen,

En meest gebenedijd in 't mensehelijk geslacht;

Hij heeft zijn wondren arm getoond in volle macht;

Dat 'tal zijn heilgen naam en zijne goedheid roemo.

Loof, mijne ziel, enz.

3.

Behoeftigheid heeft Hij met rijkdom overladen.

Ootmoedigheid heeft Hij doen klimmen op den troon,

Aan Abraham beloofd zijn welbeminden Zoon

En Hem aan ons vergund, indachtig zijn genade.

Loof, mijne ziel, enz.

9

ocr page 136

130

No 30.

Te Denm.

Wijie; M. n0 15 en N. M. uquot; 86.

1.

Groote God! U loven wij, Onbepaald is uw vermogen ;

Voor uwe opperheerschappij Bnigt zich 't aardrijk opgetogen ; Gij bestondt vóór allen tijd, Blijvende eenwig wat Gij zijt.

2,

Alles heft een loflied aanquot;: Cherubijnen , Serafijnen ,

Duizend' Engelen , die staan Kond uw troon om ü te dienen,

Alles roept U, nimmer moe,

Heilig , heilig , heilig ! toe.

3.

Al wat op uw vruchtbaar woord , Groote God der legerscharen ,

Uit het niet sprong dankend voort. Alle schepslen, die ooit waren :

Hemel, aarde en oceaan,

Alles heft een danklied aan.

ocr page 137

131

4.

Op verrukkelijken toon,

Zingt het heir der uitverkoren , Neergebogen voor uw troon : Martelaars, Apostelkoren ,

Alles juicht in lofgeschal:

Opperkoning van 't heelal.

5.

Grondkracht, waarop 't aardrijk draait, Uoor wiens hand ontelbre zonnen,

Zijn door 'tmaatloos ruim gezaaid, Hoort Ge uw lof, o Onbegonnen,

Eenge Vader van 't bestaan ,

Door der christnen citer slaan 'r

6.

Lof 't Drievuldig in persoon ,

'tEenig, onbesefbaar Wezen;

Lol U , Vader, lof ü , Zoon , Op denzelfden toon geprezen;

Lof TJ, Geest, die 'tal vervult, Waart, en zijt, en wezen zult,

7.

Gij. des Vaders eeuwig Woord,

En te Bethlehem geboren ,

Gij, dien eene Maagd bracht voort, Door U zelf daartoe verkoren , Gij vergoot uw dierbaar Bloed, En verwierft ons 't hoogste goed.

ocr page 138

132

8.

Aan des Vaders rechterliand Zijt Go in lieerlijkheid gezeten;

]n ontzatrselijken stand ,

Zult Gij , Recliter , ons geweten , Na het laatst trompetgeselial , Openbaren aan 't heelal.

9.

Sta dan uwe dienaars bij, l)io voor U en mot U strijden ;

Die Gij met uw bloed kocht vrij, Toen U Golgotha zag lijden;

Stel ons , na dit tranendal,

Onder 't juichend Englental.

10.

Zie uw volk genadig aan,

Help het; zegen , Heer , uw erve.

Leid ons op de rechte baan , Dat geen vijand ons verderve ;

Open ons de gloriezaal ,

Wij zijn uwe zegepraal.

11.

Alle dagen znllen wij Uwe wondre goedheid prijzen ,

Aan uwe opperheerschappij Eindeloozen dank bewijzen.

Help in d'alleilaatsten strijd. Wie uw heilgen naam belijdt.

ocr page 139

13H

12.

Zoete Jesus, onze Heer ,

Stort meedoogend uwen zegen

Op de cliristcnvolkren neer;

Zie, ons hart klopt onverlegen ;

Op U , Jesus, hopen wij ;

Dat die hoop rooit ijdel zij !

--i----

rv» 3i.

Tot de HU. Engelen.

Wijze : N. M. ii1quot; 30.

1.

O plinstrend geestendom, miljoenen Enplenkoren,

Die God in vollen glans aanschouwt op zijnen troon ,

En 't zielvcrrulikend lied van lof en dank doet hooi en ,

Uw bijstand vraagt ons ook een dankbaar lied tot loon.

2.

Verkondigt dan met ons , dat God is goed en wonder,

Die iedren sterveling een prins van 't hemelsch. Hof

Tot zijn bewaring geeft; wat plicht was ooit gegronder ,

Dan een zoo goeden God te zingen dank en lof P

ocr page 140

184

3.

O mochten wij a steeds in dankbaarheid gelijken,

In reinen liefdegloed en in gehoorzaamheid,

En nooit een euklen stap van 't pad der deugd afwijken ,

Maar altijd dankbaar zijn voor uw gedienstigheid !

4.

Druk diep iu ons gemoed den suhrik , den haat der zonden

En aller booze drift, die ons met ramp en kwaal

Steeds overhoopt; onz' ziel, door uwe hulp ontbonden ,

Haakt vrijer en verzucht naar's Hemels blijde zaal.

6.

O vrienden, houdt niet op naar ons geluk te hijgen ;

Veel andren minnen ons , gelijk een bij 't ge-bloemt ,

Gelijk een druivenrank den olm, om op te stijgen;

Uwe liefde is rein , de hun moet baatzucht zijn genoemd.

6.

Gij dan, gezanten Gods, volglanzige Englen-scharen ,

Gij, ware vriendenstoet in voorspoed en in nood.

Licht onze stappen voor, verdrijft al de gevaren, En blijft onz' vrienden steeds in loven en in dood.

ocr page 141

135

r»ï° ss.

Tot den H. Jozef.

Wij/e : N. M. aquot; (i.

1.

O Jozef, hoop en vreugd der aarde , Maria's zuivre Bruidegom ;

Wie kau bevatten usve waarde .

O luister van het Christendom !

Ach ! wil ons steeds beschermen ,

O Jozef, en verwerf, dat wij ,

In Jesus' en Maria's armen,

Ook eens ontslapen , zooals gij.

2.

De wijsheid Gods beval uw handen Haar allergrootste schatten aan ;

Wie zou niet van begeerte branden, Om onder uwen schild te staan P

Ach ! wil ons , enz.

3.

't Wordt andren heiligen gegeven

Hun God te aanschouwen na hun dood

Gij , gij geniet Hem reeds in 't leven, Ja , gij omhelst Hem op uw schoot.

Ach ! wil ons , en^.

ocr page 142

lae

4,

De stem van Jozue, vol wonders.

Sprak tot de zonne : „zon, biijf staan.;quot; Maar gij gebiedt den God des donders.

Den God van sterren , zon en maan. Ach ! wil ons , enz.

5.

Mocht Hij ons nw volharding (reven,

Die God, gehoorzaam aan uw stem: Hij is 'tmi nog in 't ander leven;

O Jozef, o, gebied het Hem.

Ach! wil ons, enz.

rv» 33.

Tol den H. Aloysius Viin Gonzaga.

Wijze: M. nquot; 16 en N. M. n» 13.

1.

Daalt, Englen, daalt uit 'themelsch hof. Met snaargeluid en zegevanen ;

Een ander Engel vraagt uw lof.

Een Engel uit het dal der tranen.

Als Noë's duif, vloog hij 't gevaar Van de ongestuime wereld over ;

Zingt zijnen lof niet ons ie gaar, Eu kroont zijn hoofd met gouden loover.

ocr page 143

187

2.

Hij treedt manhaftifr met den voet , Des werelds valsche wellustrozen ;

Voor ijdlen roem van vorstlijk bloed. Heeft hij de doornen kroon verkozen.

De leliebloem van zuiverheid Zal hij met doornenschut behoeden;

Met geesels van boetvaardigheid,

Zijn maagdlijk vleeseh gestaag bebloeden.

3.

O Aloysins , gij waart Een van Maria's lievelingen ,

Een znivre Engel reeds op aard, Het voorbeeld aller jongelingen.

Indien wij uwe zuiverheid Kiet volgden op zoo hooge trappen ,

Verkrijg , dat we in boetvaardigheid Kloekmoedig nagaan uwe stappen.

4:

Lang had zijn hart naar ü verzucht, O opperst Goed , dat wij ook hopen !

De ziekte geeft hem volle vlucht En doet Uem de Englenzalen open.

Eijp voor den Hemel in zijn lent', Laat hij blijgeestig de aarde varen ;

In korten tijd heeft hij volend ;

Telt zijne deugden , niet zijn jaren.

ocr page 144

138

iN» 34.

Tot den H. Stanislaus Kostka.

Wijze : M. 11° 17 eu M, n0 31.

1.

Komt, Rnijlen , helpt ons roemen

Den heilgen Stanislaus, Die rein als leliebloemen,

Dip ook een Engel was.

flij had een hart zoo gloedig ,

Den Serafijn gelijk,

Een hart zoo edelmoedig . Een hart gansch goddelijk.

2.

Zijn hand had nauw geschreven , Zijn mond had nauw zijn lust, Met de oogen opgeheven ,

Maria's naam, gekust. Of 't hart, gansch opgetogen ,

Vloog naar Maria's troon ; Die Moeder , gansch bewogen , Beval hem aan haar Zoon.

ocr page 145

liW

3.

Vervolgd door zijnen broeder

En door den Lutheraan . Koept hij tot zijne Moeder ;

Zij biedt hem Jesus aan. En Jesus, met een lonkje

Van goddelijke min ,

Schiet in zijn hart een vonkje , En maakt hem Serafin.

4.

De brand is te overvloedig ;

Hij loopt naar eene vliet. 0 Kostka , niet zoo spoedig!

Geef ons 't geen overschiet. Voor Jesus en Maria

Te branden , zooals gij , Is ook onz' wensch , o Kostka , Die gunst verlangen wij.

5.

Gij hebt in weinig jaren

Eene eeuwe lang geleefd, indien het deugden waren , Die men te tellen heeft. Bekom ons ook , o Kostka,

Een hart in deugden rijk, Voor Jesus en Maria

In liefde aan 't uw gelijk.

ocr page 146

140

Ons hart is als bevrozen ,

En als een dorre grond , Waarop nooit lenterozen ,

Schier altijd onkruid stond ; Gij kunt het vruchtbaar maken;

Zeg het aan Moeder maar. En Moeder zal onz' zaken, Bij Jesus nemen waar.

Morgengebed.

Wijze: N. M. uu ld.

1.

Mijn God , Gij geeft mij dezen dag , Geef ook, dat ik dien heilig make.

Dat, gansch getrouw aan uw gezag. Ik tot de zaligheid gerake.

O Jesus, 'k wil naar uwe leer. Liefdadig zijn , van reine zeden,

Godvruchtig, zacht, en te uwer eer. Ootmoedig in uw voetspoor treden.

ocr page 147

141

2.

Geef mij een hart dat kan versmaan, Goed, eer en wellust van de mensclien;

Doe mijn geluk in U bestaan ,

Wees Gij het voorwerp mijner wensehen;

O moc-hte mijn peloofsbctuis;',

In mijne werken klaarlijk blijken !

Dacht ik op U . mijn ooggetuig',

Nooit zoude ik van uw wegen wijken.

3.

Doordring mij, Jesns , door den schrik, Dien ons uw oordeel aan moet jagen ;

En laat op ieder oogenblik Een liefdevlam uw hart behagen.

Gij zijt 't, dien ik beminnen moet; Waar Gij niet zijt, zijn ijdelheden ;

Gij zijt ons al, o Jesus zoet.

Voor U wil ik deez' dag besteden.

ocr page 148

142

n» 3e.

Avondgebed.

Wijze: N. M. u» 8.

1.

Ach , dat de stilte van den nacht Mij aan mijn uiterst nur doa denken!

In stof en asch bestaat onz' macht! In 't oordeel staan is maar een wenken.

Hoe ras vervliegt de tijd ! wie zag Zijn snelle vlucht ooit trager zweven P Zoo wordt gij, stervling, eiken dag Naar de eeuwigheid voornitgedreven.

2.

O slaap , het beeld van 's menschen dood! Daaraan wil ik mijn ziel gewennen ;

O uur van schrik , o uur van nood ! Die stond zal mij mijn lot doen kennen.

Helaas, wat is 't, dat mij behoedt P Ik heb zoolang, zooveel misdreven !

Doch, Heer, uw goedheid geeft mij moed, Uw goedheid staakt mijn angstig beven.

ocr page 149

143 3.

Hoe bracht ik dezen dag weer door , Die nu voor altoos is verdwenen P

Gaf ik aan uwe stem gehoor, Of dnrfde ik die der boosheid leenen P O God , zie op mijn droefheid neer: De nacht ontroert mijn bange leden; Bewaar mij voor uw dienst, o Heer!

'k Wil voortaan beter doen dan heden.

---®-

rW» 37'.

Vcni Sancte Spiritus.

Wijze : M. n» 43 eu N. M. n0 45.

1.

Daal , o bron van alle goed, Kom ons hart in liefde ontvonken, Daal, o bron van alle goed, En verrijk ons arm gemoed.

Al uw liefdevonken Op ons neergezonken,

Al uw liefdevonken Dringen in 't gemoed.

't Wordt dus brandend weergeschonken Aan den God , die 't gloeien doet. Daal, o bron , enz.

ocr page 150

144

2.

Daal, o schat der armen, neer, l)aal, o Gever aller gaven,

Daal, o schat der armen , neer, Wij verlangen u zoozeer. Dorsten wij , kom laven ; Wanklen wij, kom staven; Dorsten wij , kom laven Met verfrisschinlt;rnat;

Breek onz' boeien , zijn wij slaven Dwalen wij , leid ons op 't pad. Daal, o bron , enz.

3.

Rnst in arbeid , zalig licht, Zoete troost in bittre stonden, Rast in arbeid , zalig licht, Dat ons juk zoo zeer verlicht; Mochte ons zijn gezonden Zalving voor onz' wonden! Mochte ons zijn gezonden Uwe milde gaaf,

Totdat wij , met blijde monden. Danken U in 's Hemels haav' 1 Daal, o bron , enz.

ocr page 151

145

No 38.

Tot den H. Geest.

Wijze : M. nquot; 33 en N. M. n0 46.

O, welk een lieflijk zielsgenot,

Wat heilig vuur doorgloeit mijn aadren!

Erken . mijn ziel, erken uw God ,

En loof den besten aller vaadren.

O zegen , o gelukkig lot! Kom, Schepper-Geest, kom zweven Op 't veld van dor gebeente ; en zie, 't staat op vol leven.

1.

Hoort gij dit wilde feestgezang F 't Ib schijn van vreugd in slaafsche boeien.

Doorknaag hun hart, o wroegingsslang , Terwijl zij 't hoofd met bloemen tooien,

En loopen in hun ondergang. Kom , Schepper-Geest, enz.

2.

Het opzicht spreekt, zij knielen laf;

Maar gij , met onweerstaanbaar wapen j

Gij , dood, perst hun geen zuchten af l Zij wanen , dat Gods donders slapen ,

En dansen nog voor 't open graf. Kom , Schepper-Geest, enz. • c. 10

ocr page 152

146

3.

Wel lioe , als van verstand ontbloot, Zon ik met hen in schijnvermaken ,

En in uw vaderlijken schoot,

O God ! uw heiige wet verzaken ?

Neen, Heer, o neen, 'k kies oer den dood. Kom , Schepper-Geest, enz.

JN» 3».

Morgenlied.

Wijze : N. M. 11° 83.

1.

O alziend God, wiens oog mij rusten zag, En mij nu nog aanschouwt bij mijn ontwaken ,

üw goedheid schenkt mij weder eenen dag, Die mij tot ü, mijn Schepper, weer doet naken. Ik dank uwe Opperheerlijkheid,

En offer Haar den dag van heden;

Mijn wensch is, dat Ze zij verspreid , Zoover als uw milddadigheid.

2.

Hoe menig uur zag ik mot arendsvlucht, In de eeuwigheid verloren, henen snellen ?

Maar Gij verleent mijn smeeken en gezucht Uog dezen dag, om 't onheil te herstellen. Ik dank , enz.

ocr page 153

147

3.

MisBchien zie ik vandaag de laatste maal Uw sohoone zon 't onmeetbaar rnim verlichten

Geef dan, eer ik ten grave nederdaal, Genade, om 'tgoed met ijver te verrichten. Ik dank , enz.

4.

ü Heer! t gevaar bedreigt mijn zwakke ziel Bewaar mij door uwe Englen te allen tijde;

Dat ik vóór dezen avond nederkniel,

En te uwer eer mijn danklied moge wijden. Jk dank, enz.

------9A«®HC-

N» 40.

D a g 11 e d.

Wijze : M. nquot; 18 en N. M. n0 84.

1.

De tijd der eerste jaren.

Snelt henen als een schip Door 't schuim der woeste baren,

Bedreigd door storm en klip.

Gelukkig zij , die geven

Aan de Opperheerschappij Den schoonsten tijd van 't leven ,

Eer hij vervlogen zij !

ocr page 154

us

2,

Wat tranen en wat znchten

Perst op den rand van 't graf, O wereldsche geneugten ,

Uw valscli genot niet af! Dat andren wierook branden

Voor hnnne vijandin :

Geeft God nw beste panden , Dan is verlies, gewin.

3.

Wacht niet tot de oude dagen ,

üit vreeze dat de tijd , Op zijnen plnnderwagen ,

Met 't beste henen rijd'. Men moet het ofl'er geven

Eer de ofierbloeme kwijn', Dan zal het eind van 't leven Een vroolijke avond zijn.

ocr page 155

149

tV 1 1.

Aan Maria, mijne onbevlekte Moeder.

Wijze: M. n0 19 eu N. M. u0 1.

1.

O lelie , schoon en uitgelezen ,

Alleen van Adams vlek bevrijd ! ü, reine Maagd, nog nooit volprezen,

U zij mijn jubeltoon gewijd.

Ik voeg mij bij de hemelingen,

Schoon nog bekleed met 't nietig stof; Ja 'tlusl me uw reinheid te bezingen, Tot eer van God , tot uwen lof.

2.

Üit u , op wie alle eeuwen staren ,

Ontlook een roos, en 't zachte rood Kaatste op het wit der lelieblaren,

Wier kelk zich geurig, rein ontsloot. Wie is zoo groot en zoo verheven ,

Zoo needrie' en zoo vlekkeloos , Aan wie werd grooter gunst gegeven, Dan u, die God tot Moeder koos ?

ocr page 156

150

3

O duif, o lelie tusschen do re a !

Besloten hof, zoo wonderschoon ! Gij kunt alleen mijn hart bekoren.

Ontvang mijn zwakken jubeltoon , Getuige mijner zwakke krachten.

'tBeminne u steeds uit gulle borst; Hoe meer 'k uw zoetheid mag betrachten , Hoe meer 'k naar aardsche onthechting dorst. 4.

O schoone zonder wedergade ,

Die zelfs de Godheid tot u trok , U smeek ik slechts om één genade.

Ontroof mijn ziel aan helschen wrok : Ach , zoo gij ziet, dat satans strikken ,

Dat de afgrond voor mij openstaat,

Snijd af, het zijn mijn laatste snikken , Snijd heden af mijn levensdraad.

Wees gegroet.

Wijze: M. a0 20 en N. M. nquot; 78. 1.

Wees gegroet op kindertoon , Wees gegroet, Maria , Moeder Van Gods eengeboren Zoon , Onzen Heiland en Behoeder ; U, die onze Moeder zijt, ü zij ook mijn lied gewijd.

ocr page 157

151

%

Vol van gratie noemde u God , Vol van gnnsten en genaden;

O , waar' dit ook hier mijn lot Op de smalle levenspaden!

Moeder Gods , o, bid voor mij , Dat ik die steeds waardig zij.

3.

God mee u, o , welk een eer! Wie zal u dan tegenstreven ?

O, mocht ik ook God den Heer, Als gij, recht ter eere leven \ Bid , Maria , bid voor mij , Dat Goda eer mijn streven zij.

4.

Heerlijk blonk reeds in uw jeugd Uw volstandig Godsvertrouwen ;

God beloonde uw stille deugd , Zeegnend boven alle vrouwen. Bid , Maria , bid voor mij ,

Dat ik die steeds waardig zij.

ö.

Ook uw goddelijke Zoon ,

Onze Heer, zij mij ten zegen,

Stroom' zijn liefde en gunstbetoon , Op uw smeekgebed, mij tegen. Moeder Gods , o , bid voor mij , Dat uw Zoon mijn Heiland zij.

ocr page 158

152

6.

Lieve Moeder, o mijn vreugd , Bid voor mij , o , bid voor allen ,

Die door godsdienst, reine deugd , Streven naar uw welgevallen. Bid voor ons in allen nood , Tot in 't uur van onzen dood.

INquot; 43.

Woes gegroet.

Wijze : M. a0 4 en N. M. n0 T'J.

1.

Wees gegroet , vol van genade,

O Maria , Moedermaagd Die op een bijzondre wijze

Aan den Schepper hebt behaagd.

2.

Gij die onder alle vrouwen Uitverkoren zijt geweest.

Om den Zoon van God te baren ,

Door de kracht van zijnen Geest.

3.

Met u zij de vrucht gezegend,

Die uw maagdelijke schoot Aan het menschdom heeft geschonken , Tot verlossing van den dood.

ocr page 159

153

4.

O Maria, om uw deugdeu Thans verheven bij Gods troon ,

Moeder Gods , stort uw gebeden , Voor ons, zondaars, bij uw Zoon.

5.

Bid , terwijl we in zielsgevaren Zwerven in dit aardsehe dal;

Bid voor ons, in 'timr bijzonder, Als de dood ons naken zal.

6.

Bied, o Moeder, bied uw kindren Zoo uw liefderijke hand ,

Dat zij veilig dan vertrekken Jfaar het hemelscli Vaderland.

7.

Amen , amen! het geschiede , Wat ons kinderhart n vraagt,

O , dan juichen we eeuwig, eeuwig Met u, glorierijke Maagd '

ocr page 160

154

IN» 44.

Op de Geboorte der H. Maagd.

Wijze: N. M. n» 22.

1.

Edens onschuld, was verloren ,

Toen de slang haar stem liet hoeren , De eerste vrouw schond Godea wet: Maar God deed die slang ras hooren, Dat een Vrouw zou zijn geboren , Die haar stout den kop verplet.

2.

Laat der vorsten hovelingen Op geboortefeesten zingen

Van vorstinnen dezer aard ;

Ik wil die Vorstin bezingen ,

Met den stoet der hemeliugen , Die den Heiland heeft gebaard.

3.

Slaakt geen zuchten , wereldlingen ; TJ past eer triomf te zingen;

Davids nakroost baarde ons heil; Heden is die Vrouw geboren,

Door haar zijn wij uitverkoren ,

Onze vreugde kent geen peil.

ocr page 161

155

4.

Op deez dag deelt 's Hemels woning , Zelfs ook Christus, God en Koning,

In Maria's vreugdestond.

Serafs, Englen en Profeten Roepen . om haar troon gezeten ;

Moeder van liet heilverbond !

5.

Zouden wij dan , stervelingen,

Hier op aard haar lof niot zingen , Die ons zooveel hulp verstrekt;

Hier beneên in 't rampvol leven ,

Tot we aan God den geest weergeven. Dien zijn almacht heeft verwekt?

6.

Dochter Gods, van onzen Vader!

Biddend treden wij u nader,

Moeder van den Middelaar!

Vreugd der Englen, troost der menschea. Die bij God om voorspraak wenschen, Heil der uitverkoren schaar!

7.

Als we, o Maagd , onz' christenplichten Niet naar Jesus' voorbeeld richten ,

Wees ons dan ten beukelaar.

Opdat duivel, hel en zonde Ons niet met den schicht doorwonden In het doodlijk zielsgevaar.

ocr page 162

156

8.

Wil het God , dat wij met rampen Hier op aard met doornen kampen ,

Droog dan onze tranen af;

Toon ons dan , hoe vaak de liefde, 't Foltrend zwaard uw ziel doorgriefde , En ti zeven wonden gaf.

9.

AIb we aan 't einde van onz: dagen , Stervende n om bijstand vragen ,

Dat Tiw oog dan op ons ziet:

AIp dan bevende aan onz' lippen , !Nog uw Naam eens zal ontglippen , Moeder, dan begeef ons niet.

Het Wees gegroet.

^Vijze : M. n0 45 en N. M. n0 80.

1.

Yergnn dat wij u groeten,

Maria , heiige Maagd ;

Gods gnnst kwam u ontmoeten , Wijl gij Hem hebt behaagd.

ocr page 163

Iö7

Tot u , vol van genade , Verheffen we onze stem ;

Uw hulp kome ons te stade , Door uw gebed bij Hem.

3.

Wil ons , o Maagd , verblijden : Met u is God de Heer;

üw bijstand helpe ons strijden Op aard , te zijner eer.

4.

Gij , die van alle vrouwen De zegenrijkste zijt,

Bid voor die u beschouwen Als helpster te allen tijd.

5.

Gezegend moet Hij wezen,

Dien gij ter wereld bracht;

Die Jesus heeft genezen Het mensohelijk geslacht.

6.

Maria , Maagd , Gods Moeder! Let steeds op onzen nood ,

Bid voor ons onzen Hoeder, Zoo nu, als in den dood.

ocr page 164

158

JX' 46.

Lied tot den H. Jozef.

Wyze : M. n» 27 en N. M. nquot; 7.

1.

Heiige Jozef, vol betrouwen

Brengen we u ons needrig lied ; Want van aangenomen kindren

Smaadt gij 't dringend smeeken niet. Waker van den kleinen Jesus ,

Hoed ook ons in teedre jeugd ; Dan gewis voor God en menschen Groeien we op in eer en dengd

2.

Mogen we altoos Jesus volgen

Van de wieg tot aan het graf. Die van ootmoed en van liefde

Ons het schoonste voorbeeld gaf! Waker, enz.

3.

Ach , bescherm ons heel het leven ,

Sta ons bij in ramp en smart,

Toon ons altrjd , beste leidsman ,

Toon ons steeds uw vaderhart! Waker , enz.

ocr page 165

159

IVo 47'.

Op de Geboorte der H. Maagd.

Wijze: M. nquot; 39 en N. i). nquot; 23.

1.

I'reedt levend van geloot' in gindsche woning!

Het Kind, dat daar in 't schotnlend wiegje rnst, Wordt eens de moeder van den Hemelkoning, Der Englen vrengd en 'smensehen hartelust. O teedre Moeder!

Gij zijt, o Maagd, Na d'Albehoeder,

Naar wie mij 'tharte jaagt!

2.

Komt, scharen we ons om 't heil voorspellend Wichtje,

En lichten wij het wiegekleed omhoog: Verrukken we ons in 'tminlijk aangezichtje, Dat eenmaal ons aanstaart met 't teederste oog. O dierbre Moeder , enz.

3.

Zoo keert de dageraad zacht blozend weder , En lacht ons toe in purpren morgenglans; Komt, buigen wij te zaam voor 't Kindje neder. En sieren wij het op met bloem en krans ! O lieve Moeder, enz.

ocr page 166

160

4.

Brengt aan dan knop, en roos, en loof, en bloeBem ,

En al het sclioon, dat nit onz' aarde ontsproot; Want Jesus zien we al hangen aan haar boezeia, En rusten zacht op haren moederschoot.

Onschatbre Moeder, enz.

—lt;-••• -gt;—

IN» 48.

Aan «le H. Moeder Oods.

Wijze ; M. n° 22 en N. M. nquot; 18.

1.

Lieve Moeder onzes Heeren ,

Die ook onze Moeder zijt,

Door gezang met u rerkeeren Boeit het hart, u toegewijd.

2.

O gij, Moeder vol genade ;

Moeder van het godlijk Kind , Ons bijzonder slaat gij gade,

Daar gij 'tjeugdig hart bemint.

3.

Ja, Maria lacht ons tegen,

O , Maria is zoo goed !

Ach! Maria geeft ons zegen ,

Vlietend mild uit Jesus' Bloed.

ocr page 167

161

4.

Want zij is voor lieel het leven Ons tor liulpe in allen nood ,

En als Moeder ons gegeven ,

In liet uur van onzen dood.

5.

Goede Moeder, nooit volprezen,

Bid bij usven lieven Zoon ,

Dat de dienst, aan Hem bonezen, Eena ons sclienke de eeuwge krooa.

J

rv° 4».

Do maand van Maria.

Wijze: M. n» 14 en N. M. nquot; 10 1.

Wees welkom, vrelkom dnizendmalen ,

O maand, Maria toegewijd; Hoe wordt door uwe morgenstralen, Alreeds ons hart en ziel verblijd! Verlangend zien wij alle jaren , Uw blijde nadring te gemoet. Om zieleubloenipjes te vergaren ; O sclioone Meimaand! wees gegroet.

-

ocr page 168

162

2.

Maria , spiegel aller dengden ,

O Moeder Gods , der maaiiden roem, Der wereld troost, der Englen vreugde ,

Aanvaard de Irissclie lentebloem , Het smeekgebed u opgedragen , Het lofgezang , u toegewijd ;

Begunstig ons met uw behagen ,

Toon, dat gij onze Moeder zijt.

3.

Welk ollér zullen we u nóg dragen

Met dezen schoonen lentetijd ? Een gift, die 't meest u zal behagen :

Ons hart en onze dankbaarheid; Opdat, nu alles gaat herleven ,

Wij mogen bloeien in de deugd, Om u steeds nieuwen lof te geven , En met n eeuwig zijn verheugd.

3gt;J» SO.

De droeve Maagd te Bethlehem.

Wijze : M. n» 10 eu N. M. n0 28.

1.

Ach, ziet, met de oogen rood bekreten,

Is naast de krib van 't godlijk Kind De heiige Moedermaagd gezeten ; De vreeslijk opgestoken wind

ocr page 169

163

Woei gansch den nacht op Bethlem's akker.

Door 't krakend palmgetakt, eu riep Met wild gehuil het Wichtje wakker,

Dat op den schoot der Moeder sliep.

2.

In de armen heeft zij 't rondgedragen,

Bij 't zacht gefluister van een lied ;

Maar door t geweld der onweeraslagen

In de open grot, sliep 'tKindje niet; Nu ligt liet woelend in do kribbe,

Met bolle handje in 'tstroo verward. En lokt door 't pijnlijke krennen , Een tranenvloed nit 't Moederhart.

3.

Ziet, benrtlings zit zij 't nan te staren , En beurtlings slaat zij 'toog ter neer:

«Mijn minlijk Eind! hoe zal 'k U waren P Ik heb een hart, — en d.m niet meer!quot; Zoo zegt ze ... heiige Maagd ! daar waaien ,

Door dwarrelwinden opgerukt.

Do stoppels nit het stroo naar boven:

Ziet, hoe zij zich op 'tKindje bukt!

4.

Gij , ongeziene geest en wachten,

Die rondzweeft door de naakte grot, Gij kent den weedom van de klachten Der droeve Moeder van uw Uod !

ocr page 170

161

O, spreidt do breed ontplooide vlenglon

Om 't Kind en zijne Moedor uit:

Stilt 't woedend bruisen van do stormen, Stilt in de palmen 't schel gefluit.

5.

Hoort, het gcdrnisch dos storms schijnt over

Op 'tstille veld van Bethlehem., En uitgeiitseld 't palmenioover!

Hoort! ook met driewerf luider stom Zingt hier Maria wiegezangen,

En 't god 1 ij k Kind, het knunen moe, Wil luistren naar haar zoeto tonen.

En sluit 't gebroken oogje toe.

6.

Nu is het zaligo verlangen

Her blijde Moedermaagd voldaan!

Zij ziet op de bekreten wangen

Van 'taluimrend Kindjo (wel een traan Staat hier en ginder nog te beven)

Een stillen lach 1... Kon schooner loon Her droeve Moeder zijn gegeven ,

Han zulk een glimlach van haar Zoon ?

•i—gagt;etsoeg—-i—

ocr page 171

165

JV- .quot;il.

Maria, onze Moeder.

Wijze : M. nquot; 22 en N. M. nquot; 69.

1.

'k üoern uw grootheid niet, Maria 1 Hoe, o telg uit David's stam.

Vóór de tijden uitverkoren .

't Woord des Ueeren tot u kwam !

2.

Niet uw deugden , hoe gij needrig Aan des Ueeren wil voideedt;

Hoe de lelie uwer kuischheid,

Bij dat heil geen krenking leed.

3.

Niet, hoe 'tzwaard van scherpen weedom U door 't moederharte ging.

Toen uw Zoon in 't krilgt;je aehreide.

Toen uw Zoon aan 't kruishout hing.

4.

Niet den koninginnenluister,

Die u bij Gods troon omringt,

Waar een koor steeds jeugdige Englen U een nieuwen lofzang zingt.

ocr page 172

166

5.

Neen, geen harp, zelfs niet ran Mozes ,

Nog een David's zware luit,

(En hoe ik dan F) stort de tonen Voor zoo groot een lofzang uit.

6.

Maar uwe liefde wil ik loven ,

Niet voor Jcsus , 'tgodiijk Kind: Ach ! mijn harte weet zoo weinig , Hoe men in den Hemel mint.

Golgotha zag, hoe ge ons mindet, Waar gij onder 't kruishout kwaamt,

En ons allen, in Joannes,

Daar tot uwe kindren naamt!

8.

Dat, dat loof ik ; o ! wat liefde Voor het lijdend Adamskroost!

Waar de felste smarten knagen ,

Zendt gij 't eerst, o Moeder! troost,

9.

O , hoe zalig, ais ik biddend Voor uw beeltnis neder lag!

'tWas, alsof ik uit deu Hemel, Vriendlijk tot mij lachen zag.

ocr page 173

1/57

10.

Ach , hoe zalig was het lijden ,

Zoo ik slechts uw bijstand zocht! O , hoe zalig hier te trenren,

Als 'k n beminnen mocht!

11.

Dan vergat ik alie zorgen ;

In de wereld vaak alleen,

Voelde ik biddend voor uw beeltnis , Liefde's koestering om mij heen.

12.

Ja , dan zag 'k u in den Hemel liiddeml stijgen van uw troon , En dan vielt ge smeekend neder, Voor den zetel van uw Zoon !

13.

En dan badt gij voor uw kindren,

Ja — ik voelde het — voor mij : Op mijn wangen bleef de traan nog , En reeds was mijn harte blij.

14.

Glorie , liefde zij Maria,

Die ons als haar kindren mint! Zij , zij toont zich onze Moeder,

Toonen wij ons dan haar kind !

——

ocr page 174

168

r»;° ss.

0[» den II Naam van Maria.

Wijze : M' nquot; 23 cn N. M. n0 27.

1.

'tGedenken aan Maria's naam,

Js steeds zoo zacht voor 't harte ; Maar eindloos meer dan balsemvocht

Bij bittere boozemsmarte ;

Gt en taal, waardoor 't is uitgedrukt, Iloe deze naam de ziel verrukt.

2_

Maria's naam, Maria's naatu

Verdrijft de sombre dampen ,

Biedt lie lit aan 't allerdroufsi gemoed,

l)at tegen stnurt moet kampen. Dat steeds die naam geiiciligd zj ,

JJut bidden en dat smeeken •wij.

3.

't Eerbiedig noemen van dien naam

Kan 't koudste liart ontgloeien , Verbreken als door liooger kracht

Des zondaars slavenboeien Dat men alzoo , den Zoon ton prijs',. Den naam der Moeder eerben ijz'!

ocr page 175

169

4.

Geen tone, die ooit in woorden bracht,

Wat ouuitspreckliren vrede Maria reeds haar dienaars biedt

Dij 't zwoegen hier beneden.

Kooit, nooit staat hij haar eerdienst af, Wien C!od een hart naar 'tzijuo gaf.

5.

Hen , die in reinheid van gemoed ,

Kaar Christus' geest haar eeren , Hen staat zo altoos door voorspraak bij,

Zelfs voor dat zij 't begeeren ;

Zij is hun steun iu ramp en nood , Zij is hun toevlucht in den dood.

6.

O Moeder Gods, wees steeds gegroet.

Gegroet met 's Engels woorden ; Gegroet door alwie Christus dient,

Jn alle wereldoorden !

Ach , dat onze Ave's ook hierna Afwisslen door 'tAlleluja!

ocr page 176

170

IV» 03.

Maria's Hemelvaart.

Wijze; M. u0 24 eu N. M. nquot; 17.

1.

Daal neer, o schaar van juichende Englenknren, Die om Gods troon op zilvren wieken zweeft: Die d'Engeltoon, wen Jesus was geboren, Van uit dit oord tot door de wolken dreefL

Daal neer, wil thans u om Maria scharen,

quot;Voer haar met harpezang tot Jesus op.

Boer thans met kracht op gouden lier de snaren Juich ! de eedle Maagd kümt thans ten Hemel

(op.

3.

„En de Engel daalt en licht van 't graf de zerken t „En de aarde dreunt, door 't stalig snaar-

(gebrom,quot;

Daar rijst zij op, geleund op Englenvlerken, Omringd cioor een der eêlste maagdendrom.

ocr page 177

171

4.

Waarheen , o Maagd ! waarheen wilt gij togen f

Zoo zonder ons, de telgen van uw hart P Ach, Moedtr, ach ! toon toch. uw mededoogen ; Zij dan ons deel dit aaklig dal van smart P

5.

Neen, t zij zooniet! ko ra dra ons hier verlossen

Trek ons tot u, tot voor uw glorietroon; Wii, Moeder, daar met 't maagdenkleed ons

(dossen,

Ons kransen met een overwinningskroon.

rgt; i.

De Geboorte der H. Maagd.

Wijze; M. .nquot; 25 cn N. M. n° 1.

1.

Gij , die in duisternis gezeten ,

In zuchten zonder maat of peil, Verlangdet, dikwerf nat bekreten,

Schept moed, ziet hier den dag van heil t Na zoo een reeks van bange nachten , Waarin de dood ons hield bekneld, Verschijnt voor die verlossing wachten De morgen , die ter redding snelt.

ocr page 178

17*2

2.

Dank God , mijn ziol.. zij is geboren ,

Zij, dio gansuh vein, vol zuli^heön En door God zolvon uitverkoren ,

Vun de erfsmet vrij ia, ons gemeen; Van do erfsmet vrij ; vrant zij zal dragen ,

In haren kuiselien ma;igdenschoot, Hem , in iNien God stelt zijn behagen , Die ons zal redden uil den nood.

H.

Weldra zal nu de Zon verschijnen ,

De Heilzon, die, zoo rijk verguld. Den zwarten uaelit zal doen verdwijnen ,

De zon , die aller wenseh vervult.

Juiuh dan, ja juicli , verrukt van vreugde;.

Juich! al liet menschelijk geslacht! Ach, of deea' heildag zoo verheugde , Dat onze ziel dien steeds betracht!

4.

O Maagd 1 dio dooi' deez' lofzang heden

Als nieuwgeboren wordt beschouwd , Bid, dat we, als nieuwgeboren leden,

Gods liefde zien , die ons behoudt.

En Gij, o Almacht, Goedheidsader,

Die door deez' Maagd ons heil bereidt, Ten spijt van helschen zielverrader,

Geef ook , dat ze ons ten Hemel leidt.

ocr page 179

173

IV» 55 5,

Geboorte Tan de II. Maagd.

Wijze: M. a0 39 cu N. M. n® 25.

1.

O Moeder Gods, -.val feeatf'estoeneu strenglen

Zicli om uw wieg, op dezeti dag van %'rcup;d! Uw prille jeugd bewaakt een drom van Englen ; Wat aulioiiHspel, dat den Hemel zoo verkeugt! G ij z ij t m ij n zegen;

Miju liart, o Maagd!

Klopt steeds tegen,

Wijl gij mij steeds bohaagt.

2.

Wat ik beloof, getuigt gij, hemelineeu ,

En gij aanhoort, o heemlen, wat ik zweer; Gewis, ik zw(or, in ramp en zegeningen.

Der Lcilge Maagd voor eeuwig liefde en eer. Gij zijt mijn zegen , enz.

3.

Ik bid en smeek , beroof mij van het leven ,

Enk mij in 'tgraf, nog eer ik 't loven ken, Zoo ooit mijn hart iets anders aan zou kleven. Of zoo ik u, Maria! trouwloos ben.

Gij zijt mijn zogen enz.

ocr page 180

174

Kï» ÖÖ. Aan Maria.

Wijze : M. n0 44 en N. M. nquot; 68.

1.

Moeder des Heeren, Moeder eu Maagd!

Nooit heeft n iemand VrnchtlooB gevraagd.

Ik kom , o Maria ,

Tot u , als een kind,

Dat u, als zijn Moeder, Hecht hartlijk bemint.

2.

Moeder des Heereu , Moeder van God!

Ook mijne Moeder , Zie op mijn lot.

Gij zijt mijn vertrouwen In voorspoed en nood :

Gij zijt mijn vertrouwen In leven en dood.

ocr page 181

175

3.

Moeder des Heeren , Moeder van mij !

Sta mij als Moeder , Moederlijk bij.

O Moeder van Jeaus ! Ik schenk u mijn hart,

Ik schenk u mijn liefde, In blijdschap en smart.

4.

Moeder des Heeren , Zepebodin !

Machtige Moeder,

Ilemel vorstin !

Wij smeeken n needrig , Van alles ontbloot ,

Verstoot onze beden Niet in onzen nood.

De Boodschap van de H. Maagd.

Wijze: M. n° 27 en N. M. 11° 7 of n» 86.

1.

Staak , o wereld , 't angstis; zuchten ,

üw gelukstaat wordt hersteld ; Uw belager moet nu vluchten : De geboorte van een Held,

ocr page 182

176

Die zijn maclit hem zal ontwringen,

Wordt geboodschapt; eene Maagd, {Gij moogt Gode een danklied zingen). Heeft daartoe ziju oog behaagd.

2.

Aan Maria, de uitverkoren ,

Brengt een Engel Gods de maar. Dat uit haar zou zijn geboren 's Werelds lieer en Zegenaar;

Zij , de pronk van deugd en zeden ,

Zal, —dit spelt hij haar,— Gods Zoou In haar kuisehen schoot nog heden Dragen , dalend van zijn troon.

3.

Gij , van de eerstling aller zonden ,

Door zijn schikking vrijbewaard,

Hebt bij lletn geua gevonden.

Uit uw schoot wordt Hij gebaard! Gij , o zuivre , — wil niet vreezen, —

Zult, zegt de Engel , door de kracht Van zijn Geest, een Moeder wezen, Vol van troost voor 't aardscli geslacht

4.

'k Heb zijn wil, — dat Hij gebiede ,

Nu uit uwen mond gehoord,

Zegt Maria ; het geschiede

Aan zijn dienstmaagd naar uw woord.

ocr page 183

177

Zoo neemt de Eengc van den Vader

Uit deez' Maagd do mensohheid aan , Komt in 't sterflijk vleescli ons nader , Om ons van den vloek to ontslaan.

o.

Toren van ivoor, met glansen

Van de Godheid zelf vervuld ! Gouden huis, vol eerekransen ,

Dio gij eeuwig dragen zult; Ark van 't heilverbond des Heeren , Troost en heul in ramp en druk ! Leer ons steeds ons heil begeeren , Help ons tot het grootst geluk.

INquot; SS.

De Onbevlekte Ontvangenis va» Maria.

Wijze : M. n» 28 en N. M. u» 36.

1.

Laat ik rustig van u zingen ,

Schoonste, die de Hemel mint; Waardig sprekeu van de dingen,

Die m'in u besloten vindt Schoon 't verstand niet kan bevatten , Wat go een waardigheid bekleedt, Haalt mon uit verborgen schatten

Lof, die lastering vertreedt, c. 12

ocr page 184

178

2

Nooit heeft u de vloek getroffen ,

Die den boozen Adam sloeg ; Uimmer kont gij nederploifen

In den afgrond. Neen , reeds vroeg Was de vloekvvet opgeheven

Voor u , onbevlekte Maagd !

Die de bron droeg van het leven , Door de Godheid onderschraagd.

3.

Ja, een Engel kwam 'tn zeggen,

Dat gij , met Gods Geest vervnld , (Een geheim niet uit te leggen),

Ons een Jesus baren znlt;

God zal in n komen wonen,

Voorts als kind aan nwe borst Opgevoed , zijn liefde tooneu , Lessehende aller zielen dorst.

4.

quot;Wie dan zoude u schuldig achten

Aan dor eerste zonde smet P Wat verwarring van gedachten ,

Die van voorrecht u ontzet, Als waart gij niet uitverkoren , Van der eeuwen eeuwigheid,

Rein ontvangen , rein geboren , En tot Moeder Gods bereid !

ocr page 185

17H

Onbevlekte , die wij groeten ,

Leer ons, van den vloek bevrijd. Door berouw do zonden boeten ,

Help ons in beproevingatijd.

Onder die God welgevallen ,

Laat ons eeuwig zijn geteld ,

rtoor Hem , die u boven allen, Als eeu Moeder heeft gesteld.

--------€.--

IN» fïO.

Hemelvaart van Maria.

quot;Wijze ; M. n» 29 en N. M. n° 3«.

1.

Wie zie 'k hier van de aard vertrekken

In de hoogte weggevoerd , Met jnweelen zonder vlekken,

En met paarlen rijk besnoerd ? Wie komt daar dus opgetreden ,

Door Gods krachten ondersteund , Glinstrend, vol bevalligheden.

Daar ze op haar beminde leunt P

2.

Staak, mijn ziel, ja staak uw vragen ;

'tis die uitgelezen Maagd,

Waardig 'sHemels kroon te dragen. Want zij heeft Gods oog behaagd.

ocr page 186

iso

Maagd , ait daizendea verkoren .

Baarde zij den Heer van 't ai,

Uit haar werd Gods Zoon geboren ,

In een armen beestenstal.

3.

Wie zal haren lot niet roemen ,

Die haar danklied heeft betracht , Dat men haar zon zalig noemen ,

Tot het laatste nageslacht ?

Wie wordt dan niet opgenomen,

Wiens gemoed wordt niet verrukt!' Wie ncnsclit niet bij haar te komen,

Schoon het vleesoh den geest nog drnkt ?

4.

Volg, mijn ziel, in al uw streven

'tVoorbeeld van deez' Moedermaagd, Die, ten Hemel opgeheven,

Daar thans kroon en schepter draagt. Daar zult gij , bij 't puik der vrouwen , 's Heilands Moeder , die gij groet, Eindloos 't aanschijn Gods beschouwen En genieten 't eeuwig goed.

ocr page 187

181

1*0 «O.

Hulde en bede nan de H. Maagd Maria.

Wijze: M. 11° 30 eo N. M. n» 70.

1.

Komt , heffen wij een loflied aan , On? lied klimme op van de aard,]

Tot voor Gods troon , waar de Englen staan 't Zij met hnn lied gepaard.

Wij zingen met den toon van 'tstof, En knielen zingend neer ;

Wij staamlen dankbaar uwen lof, O Moeder van den Beer !

2.

Dat onze lof u niet mishaag' , O Hemel-koningin 1

Al is de toon van tstof wat laag, Hij dringt den Hemel in.

Geen mensoh., die ooit zooveel vermoeht; Niets evenaart uw eer ;

Uw hulp is nooit vergeefs gezocht, O Moeder van den Heer !

3.

Uw ootmoed was zoo gadeloos , Zoo kostlijk in Gods oog,

Dat n zijn Zoon tot Moeder koos ,

Toen Hem ons lot bewoog.

ocr page 188

182

O Morgeuster dor zaiigiieid ,

Hij daalde op aarde neer

Uw deugd liad ons dat heil bereid, O Moeder van den Heer

4.

Verbaasd en woedend was de hel Om 'fc heil van ons geslacht,

Toen n de Aartsengel Gabriël De hemel boodschap bracht.

Nu spanne satan strik en net , Wij vreezen hem niet meer

Uw zaad heeft hem den kop verplet, O Moeder van den Heer 1

5.

Der Englen reine hemeltoon Klonk voor het eerst op aard ,

Toen gij , o zuivre Maagd! Gods Zoon Hadt in een sial gebaard.

Het Englenkoor juichte in ons lot En daalde aanbiddend neer;

Het zag een menschgeworden God , O Moeder van den Heer!

6.

Wij roepen u in Jeaus' kerk Als hulp en voorspraak aan ;

Hij heeft zijn eerste wonderwerk Op uw verzoek gedaan.

Ei, zie dan gunstig van omhoog Op nw vereerders neer;

ocr page 189

183

Beschouw ons met uw moederoog , O Moeder ran den Heer !

7.

Uw Zoon , toeu Hij aan 't kruishout hing ,

Ons eeuwig heil verwierf.

Beval u aan zijn lieveling ,

Eer Hij voor 't menschdom stierf. Joannes' liefde ontving dit loon , Die gunst, die troostrijke eer ;

■Gij werdt zijn Moeder , hij nw Zoon, O Moeder van den Heer'

8.

Wil zoo ook onze Moeder zijn ;

Ons hart, dat Jesus mint,

Roept tot u, uit deez' rampwoestijn;

„Ach, Moeder, zie uw kind!quot;

Zie, lieve Moeder van gena,

Toch gunstig op ons neer !

Uw liefde is zonder wederga ,

O Moeder van den Heer !

9.

Ach , Moeder van barmhartigheid ,

Onttrek uw hulp ons niet F Als ons de wereld lokt of vleit;

Ak gij ons wanklen ziet,

Als ze ons door wellust strikken zet ,

Of streelt door lof en eer ,

Dat uwe voorspraak ons dan redd', O Moeder van den Heer!

ocr page 190

184

10.

Wanneer ons armoê dreigt ot' drukt

Als ziekte of pijn ons kwelt,

Ais alles wat wij doen , mislukt,

Als ramp op ramp ons knelt ; Als niets op aarde ons troosten kan ,

Ei , zie dan op ons neer,

Troost ons door nwe voorspraak dan , O Moeder van den Heer !

11.

Als eenmaal 't bange sterfuur slaat,

Als de aard geen vreugd meer heeft, Als geld en roem ons niet meer baat,

Wellicht slechts wroeging geeft, Als grootheid klein wordt in ons oog

Met 's werelds ijdele eer ,

Wees onze helpster dan omhoog , O Moeder van den Heer !

12.

Bescherm ons zoo in eiken nood,

En sta ons altijd bij ;

Vooral in 't uur van onzen dood ,

Opdat het zalig zij ,

En wij , om 't heil voor ons bereid

Met u Gods lof en eer Verheffen tot in eeuwigheid ,

O Moeder van den Heer ;

gt;♦«

ocr page 191

185

No «1.

Op het feest der /nivering: van de H. Manifd Maria.

Wijze: M. 11° 40 eu N. M. n» 2.

1.

Zij , die boven alle ■wetten ,

Van den heilgen Geest ontving , Voor haar, vrij van alle smetten,

Was geen wet van zuivering; Maar niet laf zicli te vcrsclioonen , En zich beiden trouw te toonen , Geest en letter des gebods : Dit leert ons de Moeder Gods.

Zij, die ons dien Koning baarde. Wiens gebied nooit einden zou , David's spruit, de hoogst eerwaarde,

Brengt de gift der armste vrouw. Bij zijn mindren zich tc voegen , IS'eedrig zich te vergenoegen ,

Dit is hier de sehoone leer Van de dienstmaagd van den Heer.

ocr page 192

1N6

3.

Zij , in reinheid boven de Englen ,

Aller maagden oer en roem,

Komt zich met de onreinen menglen .

En verbergt haar leliebloem!

Met zijn gaven nooit te prijken ,

Eiken lof bevreesd te ontwijken En te siddren voor den trots •

Dit leert hier de Moeder Gods

4.

Zij, niet vreezende ooit to dolen ,

Zoo zij gaat waar God haar wenkt, Laat aan Hem het aanbevolen,

Wat de wereld van ha.'r denkt.

Nooit door eigenbaat gedreven Enkel voor Gods eer te loven :

Dit is hier de beldenleer Van de dienstmaagd van den Heer.

in» ew.

Mag-nilicat.

Wijze : N. M. iiquot; 76.

1.

Maak groot, mijn ziel, maak groot den Haer,, En zing Hem blijden lof;

Kniel dankbaar voor uw God ter neer,

ocr page 193

187

Hvj is alleen het iieil, de vrougd , Waarin alleen zich 't hart rerhengt, Aanbid Hem in het stof.

Hij zaf; met welgevalligheid

Op mij . zijn dienstmaagd neer ; Aan zijn onmeetbre Majesteit Bevallig door mijn neodrigheid . Werd ik, van boven voorbereid, De Moeder van den Heer.

Hierom word ik van elk geslacht,

Van dezen dag af aan ,

Gelukkig en vereerd geacht.

Gods naam zij heilig door 't heelal; De wonderen zijn zonder tal,

Die Hij mij heeft gedaan.

4.

Zijn mededoogen duurt steeds voort

Van voor- tot nageslacht, Wanneer het naar zijn wetten hoort Maar wee! wanneer hoovaardigheid Het ijdelzinnig hart verleidt;

Dan toont Goda arm zijn kracht.

ocr page 194

188

Hij rukt hen van hun zetels af. Die trotsch Hem wedcrstaan; quot;Verstrooit hen, als de wind het kaf. En trekt den arme uit liet niet, Terwijl de rijke en zijn srebied Ala nevelen vergaan.

6.

En hem , die in den tegenspoed

Maar kinderlijk vertrouwt, Beschenkt Hij met zijn overvloed ; Den rijke weigert Hij zijn goed , Die roem draagt op zijn overvloed En op zich zeiven bouwt.

Hij nam zijn dienstknecht Jsrael

Tof zijnen gunstling aan ;

Hij deed hem naar belofte wel,

Gelijk Hij sprak tot Abraham ,

En aan 't geslacht, dat van dieu stam In eeuwen zal ontstaan.

ocr page 195

189 ,*% lt;$:«.

Het Kerstfeest.

Wijze-. M. nquot; 31 ea N. M. n0 38.

1.

O , hoe heerlijk , Hoe hegeerlijk . 18 her. Kerstfeest voor de ziel ! Jesus kwam op aarde ,

Gaf der mensuhheid waarde : Dat heel de aard voor Jesus kniel'

2.

ü , hoe heerlij k , Hoe begeerlijk Is het Kerstfeest voor de ziel! Dat ons loflied rijze ,

Onze mond U prijze ;

Jesus , dat elk voor U kniel'!

3.

O , hoe heerlijk , Hoe begeerlijk Kerstmis, zijt gij voor de ziel O, wat vreugd , wat zegen Zendt dit feest ons tegen : Och , dat elk voor Jesns kniel' !

ocr page 196

190

4.

O, hoe heerlijk , Hoe begeerlijk Zijt gij , Kerstmis, voor de ziel ! Zalige Englen zingen Om die zegeningen !

Dat de mensch dan nederkniel'!

O, hoe heerlijk , Hoe begeerlijk 1b het Kerstfeest voor de ziel; Jesus, welk een waarde Had uw komst op aarde : Dat voor TT al 't schepsel kniel' I

6.

O, hoe heerlijk, Hoe begeerlijk Is het Kerstfeest voor de ziel ' Jesus Christus ! Amen ! Zingen wij te zamen ! Btervling , juich , aanbid en kniel

ocr page 197

191

Het Kerstfeest.

Wijze : M. u0 5 en N. M. n0 3.. 1.

Wanneer Gods Zoon Van 's Hemels troon Op aarde nederdaalde ,

Zong de Englenstem Een zang voor Hem , Dien rots en wond herhaalde.

En de Englentoon Trof, lief en schoon , Der leerzaam herdren ooren;

„ Gaat!quot; riep een stem , ,, In Bethlehem ,

„Daar is nw God geboren!quot;

3.

Op 'i wonderwoord Gaan zij ras voort; En God bestiert hun schreden De Heer van 't al Wordt in een stal In waren geest aanbeden.

ocr page 198

192

4.

o God! o God !

[s dit dan 't lot ,

(J hier op aard boaehoren ?

Die 't leven geoft Aan al wat leeft,

Zelf in een stal geboren '

5.

Ja , Hij is daar , De Middelaar,

Die 't menschdom vreê komt geven Ginds vlucht de dood , Van macht ontbloot, En Jesns is ons leven.

6.

Ja , Jesns komt,

En de afgrond schroomt; Nu is zijn buit verloren.

En Godes Woord fleerscht eeuwig voort Op de aard , aldus herboren.

7.

En ieder jaar Zingt de Englenschaar Dien dag haar schoonste tonen ,

ocr page 199

193

Ea 't meiisohclom paart Zijn stem op aard ilet hen , die boven wonen.

8.

Maar eens , o God !

Eens treft ons 't lot,

Eens komt de dood ons ivekken ; Geef dan , dat -n-ij Met d' Englenrei

Hierboven 't lied voltrokken. ----

]N0 60.

Opdraclit van Maria in dtMi tempel.

Wijze : M. n0 33 eu X. M. n0 32.

1.

Als een bloempje tiissohen hagen , Binnen Sion's tempelwand Voor het aanschijn Gods geplant. Wijkt Maria voor de lagen,

Die de booze wereld spant.

2.

Als een pas ontloken roze ,

Met des Hemels dauw besproeid, Die de zonne tegengloeit,

Hangt de zoete, vlekkelooze Aan het altaar Gods geboeid, c. 13

ocr page 200

194.

3.

Als een lelie uitverkoren,

Zilverblank en zonder smet,

Die de maan in schaduw zet,

Staat het Maagdeken te gloren ,

Dat des satans kop verplet.

4.

Als 't viooltje zacht en teeder ,

Dat in stille velden tiert,

En het groen der dalen siert,

Buigt het zedig Kindje neder,

Daar het zuchtjes opwaarts stiert.

5.

Zuchtjes stiert het, glansjes spreidt het , Geurtjes aumt het , zacht en zoet; Serafs , Kindjes eerestoet,

Hoort het spreken , en verbreidt het, Ach! verbreidt het vol van gloed.

G.

„'k Wijd ü , God , mijn hart en zinnen .. Voor den tijd en ecuwighecn.quot; Hoort, zoo sprak het Kindje kleen : .. God, mijn God ! 'k wil U beminnen, .. I* beminnen , U alleen !quot;

ocr page 201

195

k Vgt; il U dienen al mijn dagen , „ Heer ! wat ivilt Gij , dat ik doe ? ,, Is het mooglijk ! staat Gij 't' toe ? God , mijn God ' 'k wil U beliagen , Leer mij , Heere , leer mij , hoe !quot;

God, mijn God 1 ik wil u loven ,

Altijd loven , altijd aan !

Van deez' sombre lovenspaan Stija; voor U mijn geest naar boven , „ Blijf voor lT mijn liartc slaan.''

9.

God , mijn God ' 'k wil voor ü lijden , „Smarten lijden zwaar en fel. „ Is 't nw wil zoo , 't is mij wel. God, mijn God! 'kwil moedig strijden .. Tegen wereld, vleesch en hel.quot;

10.

Lieve God , 'k wil alles derven , .. Om steeds Maagd en rein te zijn ; ,, Zend mij armoê , smaadheên , x)ijn, Laat mij leven , laat mij sterven , .. Maar bewaar mij Maagdelijn.quot;

ocr page 202

19G

11.

,'kWil, mijn Schepper, L beliooren , „ TJ beliooren , niet aan mij ; „ Tot ik , van het aardscho vrij , Staan zal in uw Hemelkoren.

Amen , amen. 1 dat 't zoo zij

INquot; «O.

Toewijding vau zich zelven aan Maria in hare Congregatie ol' Broederschap.

Wijze : X. M. u0 52.

' 1.

Ik ben aan n !

l{eeds onder 't kruis , waaraan de lust uws harten , Uw Jesus , 't wreedste leed doorstond ,

Sprak Hij met zijn bestorven mond :

„Ziedaar uw kind, o quot;Vrouw van smarten'.

Ik ben aan u'. Ik ben aan u !

Ik ben aan u I Seeds op den schoot van mijne lieve moeder, | Maria, -werd ik u gewijd,

Eeeds toen bevaalt gij voor altijd Uw zoon , uw kind ) (^en Albehoeder Uw dochter aan )

Ik ben aan u ! Ik ben aan u 1

ocr page 203

It hen aan u !

Eeeds van diou stond, toen mijne kinderlippen. Zich 'teerst ontsloten voor de spraak,

Maria , was 't mijn zoetst vermaak Uw naam mijn mond te doen ontglippen! Ik ben aan n 1 Ik ben aan n '

4.

Ik beu aan n !

Ach ' in dat nnr , toen 'k aan 't banket der Englen. Voor de eerste maal mij heb gevoed, Wat was 't mij toen , ilaria , zoet,

Uw naam met Jesus' naam te menglen'

Ik ben aan ul Ik ben aan u!

Ik ben aan u !

Van dien dag af, hoe menig duizendmalen Mocht ik die opdracht van mijn hart, O Moederlief, in vrengd en smart,

Toor uwe beeltenis herhalen !

Ik ben aan u ! Ik beu aan n!

6.

Ik ben aan u !

Maar op dit nnr , zoo plechtig in mijn leven, Ivu gij mij in nw vrienden kring

ocr page 204

19S

Ontvangen wilt als lieveling , Wat vreugde doet mijn harte beven! Ik ben aan n I Ik ben aan u;

Ik ben aan u !

Ja , voor altoos wil ik mij aan u wij don. Maar , .Koningin , ik ben niet waard Dat gij mij bij uw hofstoet schaart, Zoo wanklend in verleden tijden.

Ik ben aan u! Ik ben aan n!

S.

Jk ben aan u!

Ach, Moederlief! doe mij mijn schuld nietboeten Verstoot, verstoot uw dienaar (dochter) niet , Die u eeii rouwend harte biedt.

Met tranen knielend aan uw voeten.

Ik ben aan uIk ben aan ul

Ik ben aan u!

Ik geef u thans mijn hart cn ziel en zinnen quot;Wat mij ook op deze aarde beidt.

Niets dat mij van uw liefde scheidt; Neen! eeuwig wil ik u beminnen 1 Ik ben aan u' Ik ben aan u!

ocr page 205

199

Ik ben aan u O Moeder Gods , zou 'k u nog ooit begeven ? Zon 't kunnen zijn ? ... . Zoo gij 't voorziet 7 Ach , laat mij sterven eer 't geschiedt , En knip den draad af van mijn leven.

Ik ben aan u! Ik ben aan 11'

----—woo aöl/Xf5 coquot;-

N» cr.

Lofzang en Gebed.

^Vij.^e : iï. ii0 41 en N. M. 110 71.

1.

Ziet gij daar de wolken zweven

En de zon , in .vollen glans ,

Hooger, hooger nog verheven ,

Schittren aan des hemels trans ?

Nog veel hooger , ver daarboven ,

Zetelt op haar liefdetroon ,

In het hoogst der Hemelhoven ,

Jesus' Moeder naast haar Zoon.

O wat luister! o wat stralen !

O wat hartverblijdend licht Stroomt door 's Hemels wijde zalen Van haar maagdlijk aangezicht!

ocr page 206

200

's Vaders eeuwig alvermogen

Straalt van baar vorstinnenstaf, 's Heilands wijsheid uit haar oogen, 's Geestes gloed haar boezem af.

3.

Maagdenroien , Englenscharen ,

Cherubs, Serafs zonder tal Hengen stem en citersnaren

Met het blijdst bazuingeschal.

Allen juublen God ter eere,

Om Maria's heil verheugd ,

En de Moeder van den Heere Is de tweede hemelvreugd.

4.

Needrig kind in Salem's tempel 1

Arme Maagd in Jvdzarethl Vrouw , verjaagd van Eethlem's drempel

Moeder , onder 't kruis verplet! Liefste Moeder , in uw leven

Zoo gemarteld , zoo gehoond ,

En zoo roemrijk thans verheven,

En zoo glorierijk gekroond I

5.

Moeder, ach ! door al uw smarten

En door al uw heerlijkhecn ,

Zie de wenschen onzer harten ,

Hoor , verhoor ons kinderbecn !

ocr page 207

201

Moederlief, wij gaan verloren,

Stelt gij satans macht geen perk , Moeder, achl stil Jesus' toren,

lied ons en boscherni de Kerkl

INquot;

Lofzang en opdracht van hot hart aan Maria

Wijze ; M. uquot; 42 eu N. gt;1. n» 53.

1.

O Maagd , o sohoonlieid , nooit volprezen Als Moeder Gods zoo hoog gerezen ,

Wat luister schittert om uw troon' De Seraf, aan zich zelf onttogen ,

Juicht, voor uw grootheid neergebogen : O Koningin , wat zijt gij schoon!

2,

Al mist, Maria, t aard ache duister. Het schouwspel van uw grootschen luister

Ons koestert toch uw liefdegloed.

Ja de Engel roeme uw heerlijkheden, Wij juichen juubleud hier beneden ; Maria' o, wat zijt gij goed'.

ocr page 208

203

3.

Dank , dank voor zooveel liefdedaden , Voor zooveel duizenden genaden ,

Gevloeid door uwe milde hand! Ont vang voor al die zegeningen ,

Maria , van uw lievelingen

Hnn hart tot eeuwig onderpand.

4.

O Moeder , altoos even teeder ,

O schouw met welgevallen neder

Op 't offer van uw dierbaar kroost! Schrijf in uw hand ons aller namen,

IN'eem in uw hart ons' harten samen Dan, Moederlief, zijn wij getroost.

5.

Dan mogen vrij de winden tieren , De bliksems door het luchtruim zwieren,

En monsters hollen door de zee ; Vergeefseh hun razen , hunne woede : Wij zeilen onder uwe hoede Beveiligd naar de Hemelree.

6.

Daar zal geen vrees ons hart meer klemmen Daar zingen wij met blijde stemmen,

Geschaard om uwen zegetroou , Uw naam tot lof en God ter eere :

Maria , Moeder van den Heere ,

Wat zijt gij goed! wat zijt gij schoon!

ocr page 209

203

TSquot; 01gt;.

Het Rozenkransje.

■Wijze: M. nquot; 31 eu N. M. n°

1.

llozenkransjen! u zij lot,

Uit den hof Van den Hemel neersezonden , Van verscheiden bloempjes schoon,

Als een kroon Wel gevlochten en gebonden.

Edel kroontje , dat er staat

Voor sieraad Op het hoofd van Gods vriendinne; Gulden krone, die bekroont

En verschoont 's Hoogen hemels Koninginne.

3.

Allerliefste roosplantsoen ,

Altijd groen ,

En gij draagt sneeuwwitte rozen ; Op elk blaadje zeer bekwaam

Staat de naam Van ilaria uitverkozen.

ocr page 210

204

4.

Eransjen , dat ii koo behaagt,

]\Joedermaagd !

Daar men tnsscben vijf robijuen Van one Heeren Gods gebed ,

Wonder net Ziet uw roosje tnsscben schijnen.

5.

Psalterken ! gij maakt bevreesd

's Boozen geest,

Die eer Saül kwam bespringen , Als hij boort de zoete taal

Menigmaal Van 't Ave Maria zingen.

G.

Kostelijkste ketenkeu Dat ik ken ,

Beter was er nooit te vinden, Om den boozen vijand fel

Van de hel Eracliteloos en vast te binden.

r?

i .

Eransjen , als ik zonderling

Voor een ring IT ga dragon aan mijn vinger, Tegen het hoovaardig vat Goliath

Zijt gij mij een Davids-slinger.

ocr page 211

8.

Gij verzelt mij waai' ik ga ,

quot;Waar ik sta .

Zal ik ergens gaan of reizen,

Met ii kort ik weg en tijd,

Dien 'k verslijt.

Met te lezen of te peizen.

9.

Als ik in mijn kamerken

Met u ben ,

In de kerk of in een hoekje, Gij dient mij dan al temet

Ten gebed Of voor een godvruchtig boekje.

10.

Altoos , als 'k u medevoer Aan mijn snoer ,

Leiddraad , die mij leunt geleiden , Tot Maria's zoeten schoot,

In den dood,

Daar ik nimmer van mont scheiden,

11.

Dat dit lieve kransje zij

't Snoer , dat mij Met Maria voeg' te zamen,

En ik haar, die ik nu dien,

Moge zien In hot eeuwig leven. Amen.

ocr page 212

206

:v- to.

Toewijding- aan den lieer na de H. Coniniunie.

Wijze ; SI. n0 24 en N. M. u» 43.

1.

O groote God, wat zijn uw tabernakels

Voor mijne ziel verrukkelijk en schoon ! Gij openbaart ons daar iiw heilorakels,

Daar heft geloof en liefde zich ten troon.

Gelukkig hij , die Ü daar mag beschouwen i En aan den voet van uwe altaren smacht! Een eeuw, getoefd in aardache praalgebouwen, Heeft niets bij 't stip, bij ü hier doorgebracht.

Ik dobber in een zee van zaligheden,

En mijne ziel bezit al 'themelheil.

O goede God ! hoe voeren zwakke beden Voor mij den stroom van gunsten boven peil

4.

Ja, de Almacht tart, door dxiizend zegeningen, -IJii' zij mij schenkt, de wenschen mijner zie!; Ik voel mijn hart van liefdevuur doordringen , Terwijl ik hier in vreugde nederkniel.

ocr page 213

207

o.

Een talloos heir van Englen, die me omringen,

Bewondert stil de onziehtbre Majesteit. Benijdt mijn keil en knielt, o hemelingen , Aanbiddend neer in Gods aanwezigheid!

6.

En zou een goed, dat vlucht, mijn hart bekoren?

Mijn hart, waarin de Godheid zelf verblijft F 2seen. neen, mijn God! ik wil U heelbehooren. Zoo uwe kracht in nood mijn zwakheid stijft.

7.

Heersch over mij, als Heer van dood en leven,

Heersoh over mij vooral door 't liefderecht; Wijk, wereld! wijk, die mij geen heil kunt geven; Mijn hart blijft steeds aan Jesus vastgehecht.

K0 Tl.

I)e Heer is God.

Wijze : M. n0 35 en N. M. u0 47.

1.

De Heer is God ! de Heer is God ! Laat de aarde vroolijk juichen, Voor Hem alleen zich buigen : Het kille 2soord , het gloeiend Zuid Eoept, Hem aanbiddend, uit: De Heer is God ! de Heer is God !

ocr page 214

208

2.

Hem dekken donkerheid en nacht, Hij wenkt: en bliksemschichten Doen de aarde siddrend zwichten ; Geschokt tot in het ingewand, Erkent /.ij 's Heeren hand ,

En roept ontsteld: de Heer is God 1

3.

Maar om den troon des Heeren straalt Gerechtigheid en waarheid , Bij Hem is licht en klaarheid, De glans van zijnen troon verblindt; Een niet is 't mensclienkind.

De Heer is God ! de Heer is God !

4.

Wee hem, die God den Heer veracht En zijnen naam durft honen , God zal zijn macht hem toonen, En hem beschamen in zijn waan : Gij volken , bidt Hem aan.

De Heer is God ! de Heer is God!

5.

Maar heil hem , die Jehova vreest; Gods hand zal hem beschermen , Hem leiden met ontfermen ; Uit eiken nood, uit elk gevaar Eedt God hem wonderbaar.

De Heer is God! de Heer is Godl

ocr page 215

209

No VS.

Gods goedheid.

quot;Wijze: M. n0 36 en N. M. n0 4S.

1.

ü , goede God , U roemt mijn lied,

Hoe zwak mijn toon ook zij ; Want boter Vader leeft er niet, !Niet één zoo goed als Gij.

Gij kleedt met menig groen en krnid

Den barren heidegrond ;

Gij stort den dauw er over idt In eiken morgenstond.

3.

Uw zon gaat over allen op ,

En streelt ons met haar gloed; Gij zendt den vruchtbren regendrop , Die 'tveld verkoelen doet.

■1.

Gij zijt voor allen even goed ;

Elk schepsel, dat er leeft,

Yindt op nw aarde in overvloed

Al wat het noudig heeft, c. quot; 14

ocr page 216

210

Van 17 ontvang ik dag aan dag Zoo menig zoet genot;

Ik juich , omdat ik roemen mag Uw goedheid in mijn lot.

-i—-

r:.5.

Onsterflijkheid.

AVijze ; M. n0 37 en N. M. n0 .quot;jO.

1.

Onder 't loof gedoken ,

Hangt de doode pop : Uit haar klnis gebroken , Stijgt de vlinder op.

2.

't Beeld van 't blij hei-leven ,

Vlinder '. zijt gij mij :

'k Zal ook opwaarts zweven Weer ontwaakt als gij.

3.

Eens leg ik den kluister

Van dit lichaam af,

En in schoonen luister Stijg ik uit het graf.

ocr page 217

211

4.

'k Zweef op Englenvlerken ,

Door geen stof geboeid ,

Waar iu zaalge perken

Eenwig vreugde bloeit.

--------

In den Advent.

VViizc ; M. lio 4.-) en 2\. M. nquot; 33.

1.

0 WijsLeid . uit God zelf geboren , Die 't groot al in uw weegschaal wikt En alles zacht en sterk beschikt; Ach! kom, wij wenschen u te hooren. Ach ! kom, en wil ons krachtig leeren Den weg , die naar den Hemel leidt, En maken onze ziel bereid Om zich waarachtig te bekeeren.

2.

O God , die Isrels volk geleidde , Aan Mozes in het vuur verscheen, Uw wet sclireeft in den harden steen En 'tmet uw gunsten overspreidde ; Ach ' wil tot ons ook nederkomen, Verlos door uwe sterke hand , En voer ons in 't beloofde land , Dat overvloeit van vreugdestroomen.

ocr page 218

212

3.

O bloem , uit Jesse's stam te wauhten I Op wien de vorsten ztülen zien ! Tot wien het heidendom zal vliên , En zich door u gelukkig achten ; O heilbloem , wil ten laatste ontspruiten , Laat ons beschouwen uwe kleur , Inademen uw zoeten geur En werpen 't slangengif naar buiten.

-t.

O gij , die zult den schepter voeren , Den sleutel dragen , die ontsluit;

Wiens macht door niemand wordt gestuit, Wiens rijk ook niemand kan ontroeren ; Ach , wil, o machtige verschijnen , Verbreek de ketenen dergeen ,

Die door benauwdheid en geween In hun gevangenis nog kwijnen.

ocr page 219

213

rvf rs.

K o r gt;gt; 11 i e d.

quot;SVijze M. ti0 Sn en N. M. n0 40.

1.

Hei-ders 1 hoe ' ontwaakt gij niet ? W ar is op dit uur gesckied 'i Eene stem van Hemelingen Elonk door de ongemeten kringen : Gloria!

Gloria!

O , wat wonder mag deez' nacht Op den aardbol zijn volbracht! quot;Want een vreagdespellend' glans, Straalde van den hemeltrans.

2.

Ach ! ik hoorde een Englenstem , Zij riep ons naar Bethehem : Van een maagd , dooi' God verkoren , Is daar :t heilig Eind geboren :

Gloria !

Gloria !

O , de Schepper van 't heelal Ligt daar in een beestenstal ;

Laat ons spoeden naar dat Eind , ïoonen , dat ons hart het mint.

ocr page 220

Wat geschonken neem ik mee? Denk toch. aan geen offervee ; Gij moet een goed hart opdragen , Dit kan 't goddlijk Kind behagen. Gloria ;

Gloria

Ach, welk offer is te groot,

Voor dat Kind, dat God ons bood Komt, laat ons te zaraen gaan , Biddend voor zijn wiegje staan'.

4.

Welkom, Kindje, wees gegroet. Daar ge uw liefde ons blijken doet Welkom, dierbaar Kind, in 't leven! Mogen we U onz' harten geven 'r Godlijk Kind,

Dat ons mint,

Voor ons vloeit uw eerste traan , Neem onz' harten gunstig aan; Voor uw krib , o Opperheer !

Leggen wij deez' giften neer.

5.

Lieve Moeder van dit Wicht, Dat in 't arme wiegje ligt,

Boven allen uitgelezen.

Moest gij , Jesus' Moeder , wezen ; Zuivre Maagd , Moedermaagd!

ocr page 221

Als ge in liefd'gevoel verrukt,

't Lieve Kind aan !t harte drukt, Biedt het dan de harten aan ,

Die voor u en Jesus slaan !

--

IN° TtS.

Kerstlied.

Wijze: M. u0 31 en N. M. n0 34.

1.

De vreugdtoon stijg' naar boven

Uit onbeklemde borst,

Om 't blijde feest te loven

Van 's Hemels Oppervorst,

Die uit zijn gloriezalen ,

O wonder van gena !

Op de aard kwam nederdalen : Elk zinge : Alleluja !

2.

Het feestlied laat zich hooren

Van 'tjuichend christendom,

jSTu Jesus is geboren;

Het klinkt, weergalmt alom.

Zijne onbegrensde liefde

Eiep Hem van 's Hemels troon ; De smart, die 't menschdom griefde Bracht Hem in de aardsche woon.

ocr page 222

210

3.

Hij komt, en de Englenkorcn , Met sehittrend licht omstraald ,

Doen 't lied des vredes laooren , Die op onze aarde daalt.

Hij komt, de groote Koning , Bestierder van 't heelal ,

Uit zijne Hemelwoning In eenen armen sial.

4.

In de arme krib gelegen ,

O dierbaar , godd'Iijk Kind !

Verspreidt uwe armoe zegen In 'tbart, dat deugd bemint.

Ontvang de opreclite hulde ,

Die 't biddend hart U biedt;

Die vreugd , die ons vervulde , Brengt ü een dankend lied !

5.

O liefderijke Moeder

Van 't Kind, uw hart zoo waard ^

Uw schoot heeft d'Albehoeder Geschonken aan deze aard.

Ontvang onz' zegenwenschen , O zuivre Moedermaagd !

Hij is het heil der menschen,

Dien ge in xiw armen draagt.

ocr page 223

217

3NTquot;

Aan Maria in de mannd Mei.

Vüjze : M. u0 12 en N. 31. 11° 11.

1.

O gij, die boven de Englenkoren , Verheven zit naast Jesus' troon , In eeuwgen 1 nister JEem ziet gloren ,

Dien gij aanbidt, uw eigen Zoon -. O Koningin der Hemelingen!

Die 't eindloos heilig lollicd hoort. Waar Serafs uwen Naam bezingen ,

Wees om enz' zangen niet gestoord.

2.

Helaas van uit het dal der aarde

Zien wij naar Sion's burcht omhoog : Hoe nietig is daar al de waarde,

Wat ook onz' zwakke mensehheid poog' Wij staamlen , uwen naam ter eere , Met kinderstem een sterflijk lied ; O mocht onz' zang den lof vermeeren Van TJ en Hem , die 't hart doorziet!

3.

Hij, die voor ons al zijnen luister

Verliet en daalde in uwen schoot; Hij, die op 's werelds aaklig duister Zijn redding aan ons menschen bood;

ocr page 224

218

Hij stierf voor ons , die Albehoeder :

Zijn kruis ■werd ons een zoenaltaar ;

Toen gaf zijn mond ons ü tot Moeder, Sinds zijn we uw kindren altegaar.

4.

Dit doet ons op uw liefde kopen ,

O teedre Moeder van ons al!

Gij stelt voor ons uw hart steeds open , Wat leed of ramp ons overvall.'

Uw hulp wordt nimmer afgebeden ,

Of gij toont, dat ge uw kindren mint;

Gij smeekt voor hen in tegenheden ; Uw bede is machtig bij uw Kind.

5.

Aan u is in den loop der dagen

De schoonste maand des jaars gewijd ,

Die de aarde bloem en krans doet dragen , En 's menschen oog en hart verblijdt;

Uw schoonheid in der zaalgen dreven Verrukt het hart der maagdenrei ,

Die uwe deugden volgde in 't leven , U eerde in ieder jaargetij.

6.

Gij spreidt den zachteu geur der rozen In 's Hceren lusthof om u heen,

Daar, waar geen onschuld heeft te blozen En 't deugdzaam hart heeft uitgestreên;

ocr page 225

219

Gij doet den gloed der lelie pralen ,

Wier üiaagdlijk wit verheft uw glans , Ver schietend uwe zilvren stralen , Tot aan des Hemels hoogstcn trans.

Betrouwend bieden we u onz' beden , O lelieblanke Moedermaagd !

Als kindren tot hun Moeder treden,

Vreest nimmer 't hart voor 'tgeen het vraagt.

Waak over onze lentedagen ,

Bewaar in ons die sulioone deugd ,

Die we in zoo broze vaten dragen ;

Zij blijve ons sioraard, onze vreugd!

8.

Wil ons voor eiken strik bewaren ,

Dien helsehe list onze onschuld spreidt;

Behoed ons voor de zielsgevaren ,

Waartoe des werelds geest verleidt;

Laat ons ons eigen hart mistrouwen ,

Welks neiging tot de zonde helt,

Maar op die heiige harten bouwen , Die Kind en Moeder openstelt.

ocr page 226

220

rs'o quot;r**.

De kinderen van Msria.

^Vijze ; M. n0 50 eu X. M. r,0 40.

Wij allen zijn Maria's kindren ,

Onder 'tkruis nam zij ons aan;

Zijn wij bij haar , niets kan ons hindren. En onz' harten zijn voldaan 1

Maria !

Alien zijn ire uw kindren;

Maria

Laeht ons als Moeder aan.

1.

We aanschouwen u , met de armen open , De hand omstraald niet 't noodig gratie-licht:

Wat mag uw kind van u niet hopen? God heeft nw troon naast zijnen troon gesticht. Wij allen zijn Maria's kindren, enz.

Een sterrenkrans blinkt om uw schedel, Uw glans verdooft den felsten zonnegloed ,

Gij trapt de maan , zoo lief, zoo edel; De helsohe draak ligt plassend in zijn bloed. Wij allen zijn Maria's kindren , enz.

ocr page 227

Komt schrik ons teeder hart bespringen , Op 'tzien van satans list en boos geweld....

Wie kan ons uit uw armen wringen ? Uw liefde, uw macht is tusschen ons gesteld. TVij allen zijn Maria's kindren , enz.

4.

De wereld toont haar broze goedren , Roemt 't schijngeluk, dat hare minnaars streelt.

Terwijl gij , Moeder aller moedreu , Het ware goed aan uwe kindren deelt.

Wij allen zijn Maria's kindren , enz.

Weg, ver van hier, gij sehandvermaken, Die lach en dans met zucht en tranen paart.

Men kan aw doodend gift niet naken, Waar Jesus' liefde ons ware vreugde gaart. Wij allen zijn Maria's kindren , enz.

6.

Trek steeds tot u ons hart en zinnen O Koningin van 'tzalig Hemelhof,

Dat wij, naast Jesus, u beminnen , En eeuwig meer verheften uwen lof.

Wij allen zijn Maria's kindren , enz.

ocr page 228

222 IS» T'Sgt;.

Op liet feest der H. Moeder Anna.

Wijze : Jl. nquot; 50 en N. M. n0 14.

O Anna , wij , Maria's kiudren , Wij bieden u onz' hartegroet:

Smeek gij voor ons, niets zal ons hindren, Wat storm om onze hoofden woed.' O Moeder Anna,

Voor Maria's kindren ,

O Moeder Anna.

Verwerf gij 't kalm gemoed.

1.

Wat luister glanst om d'aclitbren schedel! Wat zachtheid straalt van 't minnelijk gelaat!

Hoe fonkelt 't moederoog ! hoe edel Is zij , die daar bij hare Dochter staat! O Anna , wij , Maria's kindren , enz.

Wie is dat Eind van zegeningen , Dat zooveel liefde aan zijne Moeder biedt ?

Mijn hart voelt zich tot eerbied dwingen , Wen 't oog nu Moeder en dan Dochter ziet. O Anna, wij , Maria's kindren , enz.

ocr page 229

223

3.

'k Erken de sprnit der eedle vadreu, Der kouingen , aan Jesse's stam beloofd ;

In haar zie ik de heilzon nadren ,

Die allen glans van aardsche praal verdooft

O Anna , wij , Maria's kindren , enz.

4.

Door 's Vaders hart is ze uitverkoren Tot Moeder van den liefdevollen Zoon ,

Die , uit haar kuisehen schoot geboren ,

Voor 's mensehen heil verliet zijn Hemeltroon.

O Anna , wij , Maria's kindren , enz.

5.

De heilige Geest biedt haar zijn liefde,

Kiest haar tot Bruid, schenkt haar zijn godd'lijk hart;

Zij wordt onz' Moeder; al wat griefde , Verliest door haar den angel van de smart.

O Anna , wij , Maria's kindren , enz.

6.

Door u , o zaalge Vrouw , ontvingen Wij dezen kostbren schat, ons hart zoo waard;

Zie , bidden wij , op uwe gunstelingen Genadig neer, bescherm ons op deze aard.

O Anna , wij , Maria's kindren , enz.

ocr page 230

221

7.

Maria is uw kind , onz' Moeder ,

Smeek haar, die u als Moeder mini en eerr.

Dat /.e ons bij God , den Albehoeder, De deugden vraag', die gij ons hebt geleerd.

O Anna, wij , Maria's kindren , enz.

8.

Vraag haar een teeder mededoogen Met hen . wier hart een prangend leed beknelt

Vraag haar , dat wij die lief'd' beoogen , Waardoor ons hart met 'thare samensmelt.

O Anna, wij , Maria's kindren , enz.

9.

Verkrijg, dat we u en haar behagen , D beiden volgen in onwrikbre deugd ,

En Jesus ons op 'teind der dagen Laat deelen in uw ongestoorde vreugd.

O Anna, wij , Maria's kindren, enz.

]N° SO.

Kerstlied.

Wijze : M. n0 40 en N. M. g0 Koor.

Welkom, lief Xind, dat Maria ons baarde! Komt, stervelingen , staat biddende stil:

Glorie aan God in den hooge! op aarde I Vrede aan de menschen van deugdzamen wil.

ocr page 231

1.

'k Haak, al Leb ik dons nocli doeken, ü in 't stalken re bezoeken ,

Kindje met uw lief geziekt, Dat daar in een kribje ligt. God! mijn hart begint te branden, 't Eeikt zoo lieflijk mij zijn banden , 't Kindje met zijn lief geziuht, Dat daar in een kribje ligt.

Welkom , lief Kind , enz.

2,

jVIocht ik eens wat nader treden, Haken aan die teedre leden!

Kindje, waarom lacht gij zoo In nw arme wieg op stroo ? Kom, lief TVichtjen, in mijn armen 'k Zal IT aan mijn hart verwarmen. Kindje , waarom lacht Gij zoo 1 n uw arme wieg op stroo ?

Welkom, lief Kind, enz.

3.

Maar ziet eens dat borstje jagen , Hoort die zuchtjes troosting vragen ! Ach ; aan mijn geprangd gemoed Doen zijn zuchtjes zoo een goed! c. 15

ocr page 232

226

Kindje , ziet Gij dan de smarten In het binnenste mijns harten ?

Ach , aan mijn geprangd gemoed Doen zijn zuchtjes zoo een goed ! Welkom , lief K.ind , enz.

4.

Eindje, kunt Gij hen die lijden En die zuchten, zoo verblijden ?

'k Voel mijn hart, hoe 't lichter -n-ordt, Kindje , daar Gij tranen stort!

Laat die rollen op mijn -svangen , Die daar aan uw oogjes hangen !

'k Voel mijn hart, hoe 't lichter wordt , Kindje , daar Gij tranen stort!

Welkom , lief Kind , enz.

5.

'k Ga dio lieve Moeder vragen ,

Kindje, die U heeft gedragen ,

Of 'k mag blijven in den dood Aan uw zijde op haren schoot.

Wees, o Jesus! Gij mijn Broeder,

En die lieve Maagd mijn Moeder ! Aan uw zijde op haren schoot Wil ik blijven tot den dood.

Welkom, lief Kind, enz.

ocr page 233

227

Ter cere t.iii tien H. Tincentins.

^ijze: M. n0 4fi en N. M. n0 13.

1.

Welk een sctioone dag van zegen

Bijst aan 's Hemels heldren trans, Lacht 't gevoelig harte tegen ,

Vragend zang en zegekrans !

2,

?t Is het feest van Jesus' liefde ,

Die in vollen luister glom,

'tLeed verzachtend, waar het griefde, Zegen bracht aan 't schepslendom.

3.

'tls het feest van Godes Englen , Die, den zaalgen held ter eer , Hem de lauwerkransen strenglen Voor den troon van d'Opperheer.

4.

't Is Vincentms , de vader

Van het hnlpelooze kind,

Die door God en menech te gad er Als een Engel werd bemind.

ocr page 234

■J2Ö

o.

Hij, die Jesus' liefdedaden

Aan het lijdend menschdom bood , En door weldoen al zijn paden Teekende tot aan den dood.

6.

Hij , die alle tegenheden

Door zijn liefdrijk hart verwon ,

Door Gods goedheid op zijn schreden Springen zag een zegenbron.

7.

Hij vraagt onze dankbre klanken,

Hij, wiens geest op aard nog leeft: Hem zal 't christenhart nog danken Voor het goed , dat hij ons geeft.

IS° SS.

Lofzang: O gloriosa Virgiimm.

Wijze : JI. ii0 47 en N. M. u0 73.

1.

O luistervolle , kuische Maagd ,

Wier hoofd een kroon van starren draagt,

Die Sion's burcht verlichten :

Hij is 't, die u geschapen heeft,

Dien ge aan uw borst het leven geeft, Voor wien 't heelal moet zwichten.

ocr page 235

'229 2

^ at Eva's sfhtild haar kroost ontnam Herstelt gij ons door 'tvlekloos Lam,

Door Jesus, dien gij baarde,

Die ons den toegang tot het maal Ontsloot van 's Hemels brniloftszaal, En ons van druk bewaarde.

3.

O gnlden poort, verheven troon , O hemelhof, waarin do Zoon

Des grooren Eonings woonde De wereld werd , o Maagd ! verheugd , Als 't leven zich , tot heil en vreugd , Door u aan ons vertoonde.

4.

Gezegend zijt gij, god'lijk kroost , Die U een Maagd tot Moeder koost,

Die ons gebed wilt hooren ; Van eeuwen is U lof geweest, Met Vader en den heilgen Geest In 't rijk der uitverkoren. Amen.

-------—OOO CXOo----

IV0 ^3.

0 gloriosa Virginnm.

Wijze M. n0 47.

1.

O gloriosa. Virginum ,

Sublimis inter sidera ,

Qui te creavit, parvulum Lactente nutris ubere.

ocr page 236

■230

Quod He va tristis absruiit , Ta reddis almo germiae ; Intrent ut astra Hebiles ,

Coeli reoludis cardines.

3

Tu Eegis alti janua

Et aula lucis fulp;ida ;

Vitam datam per Virginem . Gentes redemptfe , plaudite.

4.

Jesu . Tibi sit gloria ,

(^ui natus es de Vir«;ine , Cum Patrc , et almo Spiritu ,

sempiterna sa'oula. Amea.

Med van den It. Casimirus.

Wijze; M. n0 5 eu N. il uquot; 3.

1.

O Gij, die troont ,

Waar Jesus woout, Zie gunstig op ons neder ; Ons zondig hart Verkwijnt van smart;

Toon u onz' Moeder teeder.

ocr page 237

231

2.

Verhoor onz' beèn ;

Stil het geween ,

Van die uw zegen vragen , Ten allen tijd Zal 't hart verblijd TJ dankend hnlde dragen.

3.

Weer van ons af Der zonden straf,

Van quot;t onboetvaardig sterven. Neen , neen , het kind Door n bemind ,

Zal nooit genade derven.

4.

Klimm' kindertoon ïot voor den troon , Waarop gij zijt verheven; Dan volgen wij , Uw kindrenrei In Sion's zaalge dreven.

5.

Schenk ons nu dengd, Hierna de vreugd Van met de Hemelingen , Vereend van geest, Op 't eeuwig feest Maria's naam te zingen.

ocr page 238

232

Nquot; mCr.

Oitdracht van liet hart aan Jlaria.

Wijze : M. n0 53 eu N. M. ua 54.

1.

^aadren irij nil Jesus' Moeder, Zingen wij thans haar ter eer , Leggen wij te zaam onz' harten Hier blijmoedig voor haar neer.

2.

Ü Maria , zie , wij naadren

Vol betrouwen tot uw troon :

Smeek voor ons bij d'eeuwgen Vader En bij Jesns, uwen Zoou.

3.

Maria zij door ons

In eeuwigheid geprezen ;

Want zij , die reine Maagd , Die satans macht verwon , ]e schooner dan de maan ,

Meer flikkrend dan de sterren : Ja, door haar schittrend licht Verduistert zelfs de zon.

4

Lieve Moeder, wees geprezen

Voor uw goedheid, voor uw macht Blijf ons allen steeds beschermen, Help ons eiken dag en nacht.

ocr page 239

233

Laat ous steeds uw goedheid voemeu, Geef ons ijver voor uwe eer ;

Maak, dat wij ook hier vervullen 't Heilig iuzichc van den Heer.

6.

O laat ons hier toch ook Haar heilig Hart vereeren :

Dat Hart, waar iedereen En hulp en bijstand vindt.

Vereenen wij ons dan Door werken en gebeden ,

Opdat haar heilig Hart Door ieder word' bemind.

7.

Wij bevelen vol betrouwen Ons in nw beminlijk Hart;

Laat ons daar een schuilplaats vinden In gevaar , in vreugd en smart.

8.

link ons hart geheel van de aarde, Maak het gansch aan n gelijk ,

En voer ons met de Englenkoren Na den dood in 't Hemelrijk.

ocr page 240

isr» se.

Mari» is onze hoop.

Wijze: M. u0 35 eu N. M. 11° 05.

1.

ü Maria , wees geprezen !

Hoor mij , die uw kind wil wezen ,

Wees geëerd in eeuwigheid ! Ja , hoor naar mijn kinderzangen , En wil 't lied in gunst ontvangen, Dat aan u is toegewijd.

2.

Maak, dat ik in deugden winne En u altijd meer benunne ,

Die zoo liefdrijk mij behoedt;

Geef' mij lust en vlijt bij 'twerken, Wil in 'tgoede mij versterken,

Geef' mij in liet strijden moed.

3.

Laat mij steeds uw goedheid prijzen , U mijn liefde en dank bewijzen ,

Voor het goede , aan mij gedaan. Eeuwig wil ik u behooren ,

Want een kind gaat nooit verloren , Dat door u wordt bijgestaan!

ocr page 241

235

N° «T-.

Loflied aan Jcsus Christus. Wijze: M. n0 49 on N. M. 110 'lt,

1.

Als 't eerste duister breekt, Ontwaakt mijn hart, en spreekt: GeloofU zij .Fesus Christns.

15ij al wat ik bogin ,

Roep ik met hart en zin : Geloofd zij Jesns Christus.

2.

En wat mijn werk ook zij , 1 k zet; er vroolijk bij :

Geloofd zij .Fesna Christns.

Zinpt, mensohenkindren , luid , Zingt jubelend het uit:

Geloofd zij Jesns Christus.

Heel 't aardrijk in hot rond Weerkiinke te eiken stond ; Geloofd zij Jesus Christus.

ocr page 242

236

Als 't licht ten einHe spoedt, Zij dit de laatste groet: tteloofd zij Jesua Christus.

4.

In nood en bittre smart,

Roep ik met mond en hart; Geloofd zij Jesus Christus. Zingt, Hemel , aarde en zpp , Zingt, al wat ademt, mee ; Geloofd zij Jesns Christus.

5.

Als treurigheid mij plaagt, Dan roep ik onversaagd ; Geloofd zij Jesus Christus.

Bij 's levens zielsverdriet Vind ik mijn troost in 'tlicd: Geloofd zij Jesas Christus.

6.

Ja, nog mijn ziele spreekt. Als reeds mij 't harte breekt: Geloofd zij Jesus Christus. Weerklinke wijd en Inid Voor Hem, eeuw in eeuw uit Geloofd zij Jesus Christus.

ocr page 243

237

INquot;

Aan mijne onbevlekte Moeder.

Wijze : M. nquot; 48 e» N. M. u» 37.

1.

Wij prijzen vol vreugde cle zuiverste Maagd, Wij prijzen ze in vroolijke zangen;

Haar schoonheid heelt eenwig haar Schepper /ij word zonder zonden ontvangen, (behaagd,

O reinste der maagden , u prijze mijn lied !

Versmaad, ach, versmaad mijne zangen toch niet.

2.

Van 't hoogste des Hemels zag God op u neer Zijn oog sloeg u liel'derijk gade ;

Heeds vóór uw geboorte werd gij door den Heer. Vervuld met, de grootste genaden ;

Gij bleeft steeds van iedere zonde bevrijd ,

En eeuwig uw Heer en uw Schepper gewijd.

3.

Gelijk onder doornen do lelie bekoort.

Zoo zijt gij het sieraad der vrouwen ;

Ach, mocht ik, o Moeder van't eeuwige Woord, Toch al uwe schoonheid aanschouwen!

ü vleklooze Moeder, wat zijt gij toch schoon!

Gij deelt in de schoonheid van Jesus, uw Zoon.

ocr page 244

238

4.

Nu looft gij daarbovon in eincllooze vrougd ,

Waar de Enf;lcn u juichend omringen: Do Hemel wordt thans door uw schoonheid vor-Dio Cherubs en Serafs bezingen. (hougd , O luister des Hemels ! gij glinstert van licht, God zelf heeft uw troon naast den zijnon gesticht.

5.

O niaagdlijke Moeder, o vleldoozo Maagd,

Tot boven de sterren verheven,

Bekom ons die deugd, welke 't meest u behaagt,

En loid ons tot 't eeuwige leven.

Daar zingen wij eeuwig rondom uwen troon :

O reinste der maagden, wat zijt gij toch schoon ! -—----

e«tgt;.

Tol lafenis van de geloovigc zielen.

Wijze ; M. n0 54 en N. M. u0 87.

1.

Heiige Vader 1 uwe kindren

Zuchten thans in 't vagevuur ;

Wil hun smarten toch vermindren,

Schenk vergeving in dit unr. Ach! ontferm U , wees genadig;

Bedding , Heer ! maar niet te laat; Zij verzuchten ook gestadig :

Ach ! verzacht onz' lijdensstaat.

ocr page 245

239

2.

Goede Vader, wij verlangen

En wij smeeken onvermoeid , üm deez' ééne gunst te ontvangen :

Breek den kluister, die heu boeit. Wij , wij willen hen bevrijden ;

Om het bloed van uwen Zoon , Om zijn dood en bitter lijden ,

Vader! voer hen naar uw troon.

3.

't Zijn uw dienaars, 'tzijn uw kindron

i)ie Gij, goede God, kastijdt; Wat toch kan hun smart vermiudreu ;

Onze harten zijn bereid!

Zie op Jesus nogmaals neder;

O ! die naam is U zoo zoet;

't Klinkt ook voor uw hart zoo teeder Jesus' wonden , Jesus' bloed.

4.

O Maria , hoor onz' zangen,

Hoor ons smeeken gunstig aan. Gij vervult steeds ons verlangen : Doe wat ge altijd hebt gedaan.

quot;t Zijn uw kindren , die u smeeken

Voor uw kindren, heiige Maagd; Wil hun boeien toch verbreken ,

Schenk hun, wat ons hart u vraagt.

ocr page 246

240

Gij , Maria, zijt vermogend

Bij uw Jesua , onzen Heer ;

Jesns! zie ook mededoogeucl

Op die arme zielen neer.

Heiige Vader , schenk haar vrede ,

Schenk haar Jesns, schenk haar U ; Dit zij onze laatste bede ,

Ach! verhoor, verhoor ons mJ.

nv- «o.

Feest van tleu zoeten Naam Jesns.

Wijze ; M. u0 55 eu N. M. uquot; 88.

1.

Hoe zoet, hoe streelend is uw Naam ,

O Jesns, voor mijn ooren;

Geen zang is mij zoo aangenaam ,

Kan mij zoozeer bekoren.

'kZeg, Jesus; en mijn hart herleeft.

Ach , mocht aan mijne lippen Zoo'n zoet geluid als Jesus geelt,

Ten allen tijd ontglippen.

2.

Uw Naam schenkt vreugde aan mijn gemoed,

Wanneer 'k hem zie gescliieven.

In Jesus zie ik alle goed,

In Jesus zie ik 't leven.

Wees eeuwig in mijn hart geprent,

Wees eeuwig in mijne oogen ,

ocr page 247

241

IV selioonlieicl is aan mij bekend, Zij heeft mijn hart bewogen.

3.

O zoete naam 1 mijn hoop en troost , Mijn sterkte in al mijn strijden ;

Mijn hart, hoe diepe, zuchten 'tloost Kunt Gij in eens verblijden.

Geen wereld schaadt mij als ik wil: 'k Behoef dan slechts te spreken :

„Geloofd zij Jesus !quot; en 'tis stil, ?t Gevaar is reeds geweken.

4.

Wanneer de duivel mij bestrijdt, quot;kHeb niets van hem te duchten :

'k Eoep : ,, Jesus ,quot; 'k ben in veiligheid, Pe vijand moet gaan vluchten.

Als duivel, wereld , vleesch te zaam , Mijn zuiver hart belagen ,

Dan roep ik Jesus' zoeten naam : En 't leger is verslagen

5.

In tegenspoed , in drnk en smart 'k Zal Jesus blijven noemen;

quot;Wat stormen woeden om mijn hart, 'k Wil Jesus altijd roemen.

De laatste zucht, die 't harte doet , Ik hoop het, zal nog wezen :

„ O zoete Jesus ' wees gegroet, „O Jesus! wees geprezen.quot;

ocr page 248

212

IW» S»l.

Verrijzenis des Zaligmakers.

Wijze : 51. n0 55 en N. M. n0 S'J.

1.

Erken uw God , o christensuliaar !

Die mensoh heeft willen wezen ; 'k Verkondig n. de blijde maar ,

Dat Jesns is verrezen.

Aanbid hier de almacht van den Heer

En zing met blijde klanken ; Alleluja, aan God zij eer !

Hem willen wij bedanken.

2.

Kom , zie : in 't graf is Hij niet meer;

Hij heeft den dood doen zwichten Tot kenmerk van zijn heiige leer

En kerk, die Hij kwam stichten. Erken zijn goddelijk gebod ,

En wandel in zijn wegen;

Alleluja, schenk eer aan God! Hij schenkt ons zijnen zegen.

Bij de eerste scheemring legt Hij af

De windsels en de doeken,

Eu gaat, verrezen uit zijn graf. De Apostlen-schaar bezoeken.

ocr page 249

24.3

Ziedaar de hoop op 't vaderland , De lioop op 't eeuwig levea,

De onsterflijkheid, als onderpand Door Josus ons gegeven.

4.

Erken , bemin uw God en Heer, Volbreng hier zijn bevelen ;

Dan zult gij , volgens zijne leer , Eens in zijn glorie deelen.

Wij sterven slechts voor korten tijd, Om eenmaal te verrijzen;

Verrijzen voor alle eeuwigheid Om Jesus daar te prijzen.

5.

Geloofd zij Jesus , Godes Zoon , Die ons thans komt verblijden;

We ontvangen eens een eeuwig loon Voor korten tijd te strijden.

Dan zullen wij allo eeuwen door, In Sion's vreugdezalen ,

't Alleluja met 't Englenkoor Ter eer van God herhalen.

ocr page 250

BLADWIJZER.

BLADZ.

Voorrede..............5

Goedkeuring.............12

Patronen..............13

Boel.................14

Titel der leden............—

^Middelen ter bereiking can het doel. .... —

Bestuur der Congregatie.........15

Birecteur dar Congregatie........—

Prefect der Congregatie.........16

Assistenten.............19

Secretaris..............20

Raadsleden.............21

Schatbewaarder............22

Sacrist aan..............23

Portier...............24

Voorlezer..............—

Zangers..............25

Raadsvergadering...........26

Verkiezing van het bestuur........27

Aanneming tot lid der Congregatie.....31

Be Opdracht.............32

Algemeene Vergadering.........3(3

Plichten tan eiken Congreganist......37

ocr page 251

Gebeden, welke in de Congreg-atie in gebruik zijn.

BLADZ.

Des morgens.............43

Des aoonds.............44

Veni Creai.or.............46

Antiplwnen van de H. Maagd.......48

Gebed, waarin men de meening maakt. ... 54

Litanie van Loretto..........56

„ „ de Kinderen van Maria.....60

„ „ den H. Aloysius.......64

„ „ den H. Jozef........68

„ ,, de E. Moeder Anna.....- 73

'£e Deum Laudamus..........75

Veni Sanete Spiritus..........7lt;

Sub fuiim presidium..........78

Gebed tot den patroon der maand.....—

Aflaten...............79

treziiiigen ter eere van Maria.

1. Onbevlekte Ontvangenis van Maria. . . 83

2. Geboorte van Maria........85

3. Boodschap van Maria........S7

4. Zuiveringsfeest van Maria of Lichtmisse. 89

5. Naamfeest van Maria........91

6. Maria onder het kruis.......92

7. Stabat flater Dolorosa........94

8. Het lijden des Heer en........97

9. Heilig Hart van Maria.......98

10. Hemelvaart van Maria.......100

11. „ „ ......101

ocr page 252

ELADZ.

Engelsche groetenis.........103

Lof van Maria en geluk in haren dienst. 104

Geluk der Congreganisten.......106

a ......107

......108

Veiligheid in den dienst van Maria. . . 110

Voordeelen „ „ „ „ „ . . 111

Aanroeping van Maria.......113

Sahe Uegina...........114

Toewijding aan Maria........115

Vre/'gde der kinderen van Maria onder

hare bescherming.........117

Dankzegging aan Maria.......119

Betrouwen der Congreganisten op Maria. 121

Jielofte van getrouwheid aan. Maria. . . 122

Volharding in den dienst van Maria. . . 124

Be Congreganisten tot Maria......125

Ave maris stella..........127

Magnificat............128

Te Deum............130

Tot de HH. Engelen........133

Tot den H. Jozef.........135

„ „ „ Aloj/sius van Gonzaga. . . . 136

„ ,, ,, Stanislaus Kostka.....138

Morgengebed...........140

Avondgebed...........142

Veni, Sancte Spiritus........143

Toi den H. Geest.........145

Morgenlied............146

12.

13.

14.

15.

16.

17.

18.

19.

20. 21. 22.

23.

24.

25.

26.

27.

28.

29.

30.

31.

32.

33.

34.

35.

36.

37.

38.

39.

l

ocr page 253

z.

BLADZ.

13

40.

Daglied............

147

)4

41.

Aan Maria , mijne onbevlekte Moeder.

149

)fi

42.

150

17

43.

)S

44.

(Jp de geboorte der H. Maagd. . .

154

0

45.

Het IFees gegroet........

156

1

46.

Lied tot den ff. Jozef.......

158

3

47.

Op de geboorte der 11. Maagd. . . .

159

4

48.

Aan de ff. Moeder Gods......

160

5

49.

De maand nan Maria.......

161

50.

De droeve Maagd te Bethlehem. .

162

7

51.

Maria onze Moeder........

165

9

52.

Op den ff. Naam van Maria. . .

168

1

53.

Maria's Hemelcaart.......

170

2

54.

De qeboorte der ff. Maagd. . . . .

171

4

55.

173

5

56.

Aan Maria..........

174

7

57.

De boodschap van de H. Maagd. .

176

S

58.

De onbevlekte ontvangenis van Maria.

177

1

59.

ffemelvaart van Maria......

179

H

60.

Hulde en bede aan de ff. Maagd Maria.

181

5

61.

Op het feest der zuivering van de

H.

B

Maagd Maria.........

185

9 '

S

62.

Magnificat...........

186

63.

Het Kerstfeest.........

189

gt;

64.

191

ï

65.

Opdracht van Maria in den tempel.

193

5

66.

Toewijding van zich zeioen aan Maria

m

3

hare Congregatie of Broederschap.

196

ocr page 254

HL ADZ.

07. Lojzany en tjvhed.........199

68. Lofzang en opdracht aan het hart aan

Maria............201

69. Het Rozenkransje.........203

70. Toeioijding aan den lieer nd de heilige

Communie........•. . . 206

71. Be Heer is God.........207

72. Gods goedheid..........209

73. Onsterflijkheid..........210

74.. In den Adoeut..........211

75. Kerstlied............213

76. „ ...........215

77. Aan Maria in de maand Hei.....217

78. T)e hinderen van Maria.......220

79. Op hel feest der H. Moeder Anna. . . 222

80. Kerstlied............224

81. Ter eere can den II. Vincenlius. . . . 227

82. Lofzang: O gloriosa Virginwm.....22S

83. O gloriosa Virginum........229

84. Lied van den H. Casimirus......230

85. Opdracht van het hart aan Maria. . . . 232

86. Maria is onze hoop......... 234.

87. Loflied aan Jesus Christus......235

88. Aan mijne onheolekte Moeder.....237

89. Tot lafenis der geloovige zielen.....233

90. Feest van den zoeten naam Jesus. . . . 240

91. Verrijzenis des Zaligmakers......212

ocr page 255
ocr page 256

Wv 'r '■«■■ v■ '

i

ml

Y

Lhm

ocr page 257

.'-J .

.

—■!