-ocr page 1-

SOENDASCHE

GRAMMATICA,

OP LAST V\N HET

GOUVERNEMENT VAN NED. INDIE

ZAMENGESTELD

DOOR

H. J. OOSTING.

AMSTERDAM,

JOHANNES MÜLLEK. 1884.

I :

-ocr page 2-

oet.

-ocr page 3-

SOENDASCHE

GRAMMATICA,

OF LAST VA.N HET

GOUVERNEMENT VAN NED. INDIE,

ZAMENGESTELD

DOOK

H. J. OUSTING.

-ocr page 4-
-ocr page 5-

V C) O R B E U 1 (; T

Kij do verscliijning van ileze Soemlasclic grammatica, heb ik weinig te zeggen. Ik lieb getraciit niet behulp van de onder mijn bereik zijnde Soendasehe stukken, zoomede met hetgeen ik in den omgang met den inlander van zijne taal mogt leeren, een spraakkunst zamen te stellen, bruikbaar bij de beoefening on liet onderwijs der Soendasehe taal.

De woordvoeging behandelde ik niet afzonderlijk. Veel wat strikt genomen daartoe behoort, moest ter sprake komen bij de beschouwing dei-woordsoorten, en het overige zal men gemakkelijk kunnen leeren, door de aandachtige lezing van door Soendanezen opgestelde prozastukken. Aanleiding tot het lezen van dergelijke stukken, gaf ik, door het bi jbrengen van bewijsplaatsen. Een nieuwe bijdrage tot de goede Soendasehe geschriften , meende ik te mogen toevoegen aan deze grammatica, liet zijn dc gesprekken n0 51, 1.2, 32, 56, 5:3, 30, 51, tfi, l-T en 4!) uit liet eerste deel van Winter's .Tavaansdie Zamenspraken, door een kundig Soendanees zóo overgebragt, dat het waarlijk Soendasehe gesprekken zijn geworden. Opdat dit laatste het geval zou kunnen wezen, moest het overbrengen geschieden met zeer veel vrijheid, hier en daar zelfs met geheele wijziging van den tekst.

Deze Gesprekken zijn te meer belangrijk, om reden er sommige echt Soendasehe uitdrukkingen in voorkomen, die. ik althans, tot dus ver nog niet in andere geschriften heb aangetroffen.

Met een fragment van quot;de Geschiedenis van Soepena ', dat een gesprek behelst, voor vergelijking met de quot;Zamensprakenquot;, in meer dan een opzigt niet onbelangrijk, besloot ik mijn werk, terwijl ik dit /'oor/jtrlyl besluit met een dankbetuiging aan Prof. Gonggrijp te Delft, voor de hulp mij betoond bij de correctie der drukproeven en voor meer dan een zeer door mij gewaardeerde opmerking.

Assen, October 18S3 St. 11. OOS'llNG.

[ I.'— ■

-ocr page 6-
-ocr page 7-

INHOUD.

Inleiding.......................| 1

Het sehrift.........................

Over dc zoogenaamde hooge woorden........................22

Over de woordvorming in het algemeen......................27

Over de soortverdeeling der woorden iu de Soendasclie taal..............30

Het werkwoord. Onderscheiding der werkwoorden naar hun vorm..........33

A. Naar den vorm onvolledige werkwoorden....................34

B. Eigenlijke werkwoorden..........

a. Het eenvoudiy werkwoord......................31)

J)e werkwoorden, gevormd met een der voorvoegsels i l\ }-gt; j\ ih of 51_()3

d. De eerste Transitieve vorm of liet Transitief werkwoord .... 03

c. De tweede Transitieve vorm of het Causatief werkwoord.....C9

Het remplaceer end causatief werkwoord....................7G

C. \\ eikwoorden, gevormd met behulp van den klank oem..........SI

I). Werkwoorden gevormd met behulp van het voorvoegsel ba rang . . S7

Het voorvoegsel in....................yj

J)e Passieve vormen . . . ■..............y 1^

Vorming en beteekenis van het eerste Passief.........

Vorming en beteekenis van het tweede Passief.........100

Opmeikingen betrefTcnde het verschil in zin en beteekenis tusschen het

eerste en het tweede Passief.........

Het Passief van een Transitief werkwoord...........105

Accidenteel transitief Passief.......

\ erder gebruik van het voorvoegsel van het tweede Passief.......1 OS

Over den meervoudsvorm..................211

Meervoudsvorming door invoeging of voorvoeging van den klank ar of al (er of */)..........

Meervoudsvorming door voorvoeging van of tut Sr, met daarbij in sommige gevallen iu- of voorvoeging van den klank ar of al (fr of ël) J20 Het aanhechtsel en daarmee gevormde woorden..............128

-ocr page 8-

INHOUD.

a. Zulke, die de beteekenis hebben van een substantief .... $ 133 u

b. Zulke, die men collectieve naamwoorden zou kunnen noemen . . id. b.

c. Zulke , waarmee een zekere gesteldheid, ook wel een hoedanigheid

ot geaardheid wordt beteekend.............id. c.

d. Zulke, die beteekeneu, hetgeen het, van het grondwoord, met behulp

van den neusklajik gevormde werkwoord zou het eek enen . . . .id. d.

e. Zulke die den zin hebben van een comparatief.......id. e.

ƒ. Zulke, die benamingen zijn van hoeveelheid of maat, enz . . .id. f.

Verdere opmerkingen betreffende met het aanheehtsel /. jygevormde woorden 135

Het aanhechtsel en daarmee gevormde woorden......, . 137

Woorden, gevormd met behulp van het voorvoegsel 1.1 of Ciw......147

Grammatisehen vorm van den Superlatief...........155

Uitdrukking van een Comparatief en Excessief.........15G

Woorden, gevormd met het voorvoegsel .u en het aanhechtsel . . 158

Woorden, gevormd met behulp van het voorvoegsel .lih.......101

Woorden, gevormd met behulp van het en het aanhechtsel Mitj

of wel .....................lO-A

Woorden , gevormd met behulp van het voorvoegsel u en het aanhechtsel ,i\\ 1G0 Woorden, gevormd met behulp van het voorvoegsel u\ li of nui zoomede

met het voorvoegsel iy\...............; . . 170

Het voorvoegsel mw....................173

Het voorvoegsel 3^*\\ ...................171)

Het woordje v.tt of \\.....•.............IS-l?

Over de Reduplicatie en de met behulp daarvan gevormde woorden. Woorden,

gevormd door middel van lie duplicatie en het aanhechtsel j-triwriw . . . 188

Over de woordherhaling...................202

Herhaling met verandering van klinkers.............212

Za meng est elde woorden ...................215

Voluntatief of // 'diende wijs.................221

Imperatief.....................

Basa Imperatief..................

Jussief......................220

Qualitatieve Voluntatief................227

('oncessief.....................230

Vetatief .....................231

Hulpwoord]es .i./\ Lii{ en oi;t jow . . 233

Optatief.....................231'

Propositief.....................235

De vo om a am woorden.

Persoonlijke voornaamwoorden.......... .... 2-12

VI

-ocr page 9-

INHOUD. vu

Nader gebruik van irirj an p w .............S 251

t'i t:) m j\ in den zin van zei/ of eigen, zoomede van uit zich zelf,

van zelf, hij zich zelf................

aig-t) i nop waar wij bezigen het bezittelijk voornaamwoord ofwel

liet bepalend lidwoord................253

Wê-ïiIdWjI\ met voorgevoegd rtS'n of wel d^t.vthni . . . 254 en 255

Verder gebruik van ó-wi üijom..............250

BeziHelijke voornaamwoorden...............257

liet aanhechtsel m als bezittelijk voornaamwoord van den 3e persoon. 259

Functie van het aanhechtsel ttn.............200

Gebruik van 6-s«.Kjj\ en miert^ cmp.........208

Aanwijzende voornaamwoorden...............271

Vragende voornaamwoorden...............280

Het betrekkelijk voornaamwoord..............280

Onbepaalde en algemeens voornaamwoorden..........292

De Telwoorden.....................297

Over hi/j en (tri ? :th als hulpwoorden...........300

Redewoorden tot uitdrukking van het Perfectum en van den verled en en en

toekomenden tijd.....................310

Het redewoord iviraw . . . 4 ..................311

Verschillende tot dus ver onbesproken redewoorden..........314

Int erj ecties.........................

De redewoordjes of ji* w p rj i^n lu \ iu ^ ^ of i^ui n j

zoomede Hjii jnjj w ....................323

Voorzetsels en Voegwoorden.................332

BETEEKENIS VAN SOMMIGE VERK0KTINGEN.

Sp. d. J. bet. Spiegel der Jeugd, j

Gesch. van Abd. en Abd. bet. Geschiedenis van | door Kaden Hadji Moehamed

uit het Maleisch in het Soendaseh ,

---OO-D-D O C C Ooo---

-ocr page 10-
-ocr page 11-

SOENDASCHE GRAMMATICA.

INLEIDING.

§ 1. Het Soendaseh is de taal van Jfest-Jarn. met name van lt;le residentien Preniujer Jtegeutschcippeii, JUtnlën, Batavia, Krawang en Tjiri'-hon. fa de vier laatste gewesten echter niet uitsluitend , in het liauteusche en Tjirehousche vindt men namelijk streken, alwaar Javaanseh, (üi in de residentie Hatavia zoomede A r air any, alwaar Maleiseh wordt gesproken.

§ 2. Is liet Soendaseh alzoo van een niet gering gedeelte van liet eiland Jnva de landstaal, voor de hand ligt ook, dat het in de Vreauger llegentschappea het zuiverst moest blijven. Op grond van die meerdere zuiverheid zal dan ook hoofdzakelijk de tiiy-l van dat gewest in de volgende bladen grammatisch worden beschouwd.

§ 3. De taal van een volk plooit zich naar de behoeften van dat volk. Vandaar, dat, toen de Soendanezen in aanraking kwamen met meer ontwikkelde volken, hun taal, gelijken tred houdende met hun meerdere behoeften, geboren uit de langzame ophetiing uit een staat van geheele onbeschaafdheid, gaandeweg verrijkt werd met een groot aantal woorden. Zoo werd de oorspronkelijke taal in den loop der eeuwen verrijkt met woorden uit liet Sanskriet, het Arabisch, het nieuwere Javaanseh, het Maleiseh en het ('liineesch, meer bepaald in de latere tijden ook met woorden uit sommige Kuropesclie talen, zooals het Portugeesch, het Ne-derlandsch en het Engelsch.

§ 4. Naar de wijze waarop ze gebezigd worden, kan men de woorden van het hedendaagsch Soendaseh als volgt van elkaar onderscheiden:

a. in zulke, waarvan men zegt dat ze zijn (A-asar) of', met een

juister woord, ikuiu (so)igotig). d. w. z. niet hoffelijk, niet hoofsch. Een son gong woord wordt gebruikt, vooreerst in die gevallen, waarin noch de wetten der wellevendheid, noch de betrekking van bloedverwantschap, waarin men staat tot den toegesproken persoon of den persoon, van wien

1

-ocr page 12-

INLEIDINC

men spreekt, noch de begeerte om zich minzaam uit te drukken, noch de wil om ruw ot' grof te zijn, den spreker nopen zich van een ander woord te bedienen. En ten anderen wordt het gebezigd, waar, spreekt men beleefd, een overeenkomstig hoog woord, of wel, drukt men zich ruw of grof uit, een overeenkomstig ruw of grof woord ontbreekt. Daar voorts op verre na niet voor ieder hoikjuikj woord een overeenkomstig hoog woord in de taal aanwezig is, zoo moeten, ook bij het spreken met zoogenaamde liaxn woorden of Ham termen (/; en c), of, wil men, in zoogenaamd «hoog tgt;oendasch ' veelvuldig hohijoiiij woorden worden gebruikt. Men kan mitsdien deze soort woorden, vermeerderd met de echt Soendasche hooge zoomede zeer platte, ruwe of gro ve woorden, beschouwen als uittemaken den eigenlijken en zeker ook wel meer oorspronkelijkei) woordenschat der Soendasche taal.

h. in die, welke behooren tot de imi. un :i i m (Arwa ka minak) o\ x-.n 3^1 Ij T } K} n 1 [hnxd i,i?iink). beleefde of liever huufschc wuorden. Men noemt ze ook wel Verne» woorden, d. i. letterlijk gladde woorden, ook wel eens, maar geheel verkeerd, Kawt woorden. De mindere behoort ze te bezigen tot den meerdere, waarbij echter in het oog is te houden, dat men, duidende op zich zelf of op een ander, insgelijks minder in rang dan den toegesproken persoon, nederigheidshalve het hasa woord niet gebruikt, maar een panëngah- of middenwoord, of wel als dat ontbreekt, een songony woord. Zie verder hieronder bij r.

])e welvoegelijkheid eiseht voorts, dat men, ran of over een meerdere sprekende, zulks doet met Hasa woorden, en eindelijk, zijn het ook deze soort woorden, die door personen, hehoorende tot de hoogere lagen der maatschappij, sprekende onder elkander, worden gebezigd. Het behoeft nauwelijks vermelding, dat ook hier omstandigheden, zooals rang, ouderdom ol wel bestaande betrekking van bloedverwantschap, den spreker kunnen verpligten zich te bedienen van een pun eng ah of wel Lasa loehoer (zie hieronder woord.

c. in die, welke men rangschikt onder r.nit,.!iuiin {Jjasa pauengah), middenwoorden en die ook wel in'jl (s'édeng) woorden, middelmatige woorden worden genoemd. Zij houden het midden tusschen de son gong en de haaa-woorden, en worden, in het algemeen gezegd, gebezigd, als men zich wel beleefd of hoffelijk, maar met vermijding van wat naar onderdanigheid zweemt, wil uitdrukken. Zoo bedient de meerdere er zich van, als hij vriendelijk of beleefd wil zijn tegenover den toegesproken mindere of wel van zoo iemand wil spreken in hotfelijke termen. Ken geval dat ze ver-pligtend zijn voor den welopgevoeden man, noemden wij reeds hierboven sub h. Ook werd daar reeds gezegd, dat, als dan een panëngah woord

2

-ocr page 13-

INLEIDING.

ontbreekt, men het swujomj woord gebruikt. Daar aan behoort no;; te worden toegevoegd, dat men in het geval dat eigenlijke pauéiiyali woorden ontbreken, ook wel eens een panentjah uitdrukking vormt, door zamen-voeging van een //«.ynwoord en een «w/yowywoord. Zoo bv. van ^ /1; ni i.-i '/ki ; [iiyoewatkeun viauè/t), dat o. a. beteekent zich hotenmennclielijhe in-spauiiiiKj yetroosten. Dit ni/oewaikeuu manè/i is hoikjuikj , het hasa. is tujl-jalkmu andjeun; panèngah woorden ontbreken zoowel voor nyoewatkeiui als voor mmiih. Om er nu een panenyah uitdrukking van te maken, neemt men voor nijoewatkeiiu het hasa woord nyijalkeun en zegt zoo ny 'ijatkeun munrli.

d. in die, welke men Ijedoelt met i-.n {liooye woorden). Zij worden slechts gebruikt van ot' met betrekking tot zeer aanzienlijke personen, of liever: wanneer men zich zeer eerbiedig moet ot' wil uitdrukken, üok deze soort woorden zijn niet talrijk, ze scherp af te scheiden van de hasa ka mèimk is niet wel mogelijk, ook al daarom, dewijl het spraakgebruik in alle streken niet hetzelfde is, zoodat hetgeen bier een hasa ka mhiak ot lémëswoorA is, elders als hasa lothun' of lémës pisan (letterlijk: uiterst ylad) woord wordt gebezigd.

e. eindelijk in die, welke aangeteekend staan als grof of ruw of wel als onfatsoenlijk. Men onderscheid ze als kasar katjida, d. i. zeer ruw of zeer plat.

HET SCHRIFT.

§ 5. liet nieuwere Soendasch wordt geschreven met meer dan een letterschrift. Men bedient zich namelijk van de .lavaansche en ook van de Arabische karakters. Werken, handelende over religieuse onderwerpen, maar ook wawatjaus, d. z. in dichtmaat geschreven verhalen en vertellingen, worden dikwijls geschreven met het laatstgenoemde letterschrift. De Soendanees beschouwt de Arab, karakters, als zijnde liet schrift van den Koran en dat hem op de pasantn-n, op de godsdienstschool, wordt geleerd, tot op zekere hoogte als een gewijd schrift. Enkelen gaan zelfs zoo ver, dat ze niet te bewegen zijn de Mohammedaansche geloofsbelijdenis op te schrijven met de .lavaansche letter. Zij het nu ook. dat slechts sommige het zoo ver trekken, hierin is men het toch eens, dat de Arab, karakters bij uitnemendheid gepast zijn voor werken, die een religieuse kleur hebben, zooals de geschiedenis van Sa m aoen , R any (ja n / ,s en derg. Zonder twijfel wordt echter het gebruik van het Arabische letterschrift voor

3

-ocr page 14-

HET SCHUIFT.

\v !i wa tj ii lis ook bevorderd door de omstandiglieid , dat de vrouwen door-ijaans slechts dat schrilt aanleeren.

§ (i. Oe Arabische klank en sclirijfteekens worden door den Soendanees genoemd als volgt. Ylv.pJia.tJi a (') noemt hij dg altar. Nevens het uitdrukken van ilcn a klank, dient ilit teeken, in Soendasch geschreven met Arab, letter, ook nog mn den o klank en den r klank aan t(^ geven, in het eerste geval heet lu't pa//u-lmil/ en wordt geplaatst boven de letter voorafgaande aan de , {icaw\ In liet tweede geval, namelijk als het dient om den P klank aan te geven , heet het panèjèilff en wordt geplaatst boven de letter, voorafgaande aan de

(//«). Zoo bv. modal en whpujan-, xi) ''h ('11 £jdx»- tjèleng.

U j _ liR/ ~ (_•• •;■■■

Voorts wordt de djiawma ( ') door den Soendanees gencemd peis, (Ie kesra

( ) noemt hij djèèr en de djezma (^0 ol 0 ) , waarvoor hij eenvoudig een stip he/igt, paiua^'h. Laatstgenoemtl teeken wordt gebruikt, vooreerst, waar men in .lav. Soend. schrift de ,i zou plaatsen, voorts ook boven een de lettergreep sluitende medeklinker, om aan te duiden dat (leze geen vocaalklank achter zich heeft, en eindelijk ook nog, hoewel overbodig, boven de ^ en de aan het eind van een lettergreep, waar ze met behidp van patiïiloiig of panèJeny dienen tot aangeven van de klanken n ot ï;. Zoo schrijft men

bv. gewoonlijk, zooals ook hierboven werd gedaan, .terwijl toch

(i» • j

geen bezwaar voor d(^ uitspraak kan opleveren en dus voldoende ciw v '

is. I 'it gebruik van den pamaidt hangt wel zamen met de gewoonte, om bv. ioeJoetttj schrijvende, nevens de pels (') toch de , te bezigen. Pie , moet, zoo zegt men, dan, ter wille van de uitspraak. gedood worden , en wel door middel van den pamaïJi er boven te plaatsen. Zoo schrijft men

. j . j • J )

doorgaans Voldoende zou het zijn als men schreef 4JJ

De Jtamza (Mende tasjdid C) nam de Soendanees over met een luttele wijziging van de benamingen, hij noemt namelijk die teekens JtantdjaJt. en lasdjid of wel pauasdjid.

\ oor den klank , die in liet .lavaansch-Soendasch si'hrilt met de pepi't of parnrprt wordt aangedilid, moesten de Soendanezen een teeken kiezen. Men

gebruikt dit T ook wel of zoo omtrent. Zoo bv. schrijft men séral-,

Desgelijks waar de paiurpi'l zoogenaamd lang is, bv. eurad schrijft men

Kindelijk is nog in gebruik de Maleische atKjha doetoa ol fJ )r het verdubbelingsteeken. Men noemt het patigradjeJ' en schrijft om een

voorbeeld te noemen: palolöhor: pl^lj Ook, zich bedienende van de .lavaansche letter, bezigt men dit teeken.

§ 7. Dit weinige aangaande het schrijven van het Soendasch met de

4

-ocr page 15-

§ 8. HET SCHRIFT. 5

Aral).-Mal. karakters zal genoeg zijn. Wij gaan nu over tot liet andere alphabet , waarvan lt;le Soendanezen zieh bedienen, en dat gevoegelijk liet .lavaanscli-Soendaselie wordt genoemd.

§ 8. Dat alphabet lieet't nes, of wil men, zeven klinkers en voorts achtien medeklinkers. Daarbij komen een overeenkomstig aantal zoogenaamde pasa ngans of aanvoegletters, enkele daarvan zijn gelijk aan de aksara, de andere zijn wijzigingen. De pasangan schrijft men in plaats van de aksara, als men wil aanduiden, dat de onmiddelijk voorgaande aksara, sluitletter van de lettergreep, zonder eenigen vocaalklank moet worden uitgesproken. Zoo bezigt men bv. in liet woord .l,» i. pi. v. de aksara ji (sa) de pasangan (sa), om te kennen te geven, datmen p a k s a moet uil-spreken. Schreef men niet de pasangan. maar de aksara, dan zou liet pakasa zijn. Hetgeen men zoo aangeeft door de pasangan te schrijven, kan men ook aanduiden door liet leesteeken pamaèh (zie de tabel). Minder goede schrijvers doen zulks ook niet zelden, zelfs midden in een woord gebruiken zij soms den pamaèh en dan de volle aksara, i. pl. v. de pasangan van die aksara, zoodat men bv. het zoo even genoemde woord pak sa wel geschreven kan vinden maar dit gebruik van den pamaèh is

ten eenenmale af te keuren, in het algemeen behoort dit leesteeken slechts gebruikt te worden aan het einde van een zinsnede of zin of wel vers.

Wat de plaats der pasangans betreft, van sommige is die o n d e r de voor-atgaande aksara, andere worden er achter gevoegd.

^ !). De klinkers van het Javaansch-Soendascli alphabet zijn deze: «, f en ex, i, oe, c en o. De Soendanezen schrijven bun vocalen op drieërlei wijze, waarvan men de eerste onderscheiden kan als de A r a b i s c h e. daarbij wordt voor tic AUph de /:gt; gebruikt en schrijft men zoo de klinkers: i.i\ ,i:i\ Si\ i i en ii/\\ De tweede wijze noemt men gevoegelijk de .1 a-

vaan sche, men schrijft dan; t gt; n gt; n i y\ tji 'n en i ngt;\\ De derde eindelijk, de echt Indische, en zeer zeker ook de oudste, is die, waarbij de vijf op zich zelf staande teekens m .cjx ^ en v) worden gebruikt.

^ S—

Dan zijn de figuren voorde klinkers: 6^\ i--lt;\ gt;'m •t~gt;\ ~ en liet

derde figuur, de .im\ wordt echter ook wel gebezigd, waar men overigens de klinkers, hetzij op de Arabische, hetzij op de .Tavaansche wijze uitdrukt, dus wel in plaats van de ?.»' of van de ïn.» \ oor de cf zie (le tabel Ivarangken.

Moet men, in plaats van zoon voor een klinker aangenomen figuur, de pasangan schrijven, d.w. z. het gewijzigd teeken bezigen, waarmee, zooals boven werd gi. wordt aangeduid, dat de aksara aan het einde van do voorgaande lettergreep zonder vocaalklank moet worden uitgesproken, dan schrijven de meesten , ;)\ .'«v ,»quot;s .y\ gt;/,» en .«»gt;■. Kvenwel er zijn ook, die moenen, dat als men de oud-Indische letter bezigt ej|

u

l

-ocr page 16-

MET SC MR TFT.

dus niet schrijft i n maar «■, uumi dan ook de niet behoort te gebruiken, zulke bedienen zich van den pamaèh. Bv. oendjoek andjoek schrijven

zu met i f h) gt;. a n yi i, n i maar nj hi j. n .1 gt;■ -i jp ?. n/,v\

r-r I clt;i é-c-t —' et --Jl

§ 10. De achtien medeklinkers, zooals die in de hierachter volgende

tabel voorkomen, geven nog aanleiding tot eenige opmerkingen. In de

eerste plaats behoort aangestipt te worden, dat twee van de .lavaansche

ah-xnm s, namelijk de ,ui (.Da), bij den Javaan de/nwof-letter J)ii , zoomede de

i,i ^Ta), bij den Javaan de /««//-letter Ta, in de tabel niet zijn opgenomen.

De Soendanees gebruikt ze niet. Voor de J)a heeft hij slechts het liguur

i.n bij den Javaan de (!o//y-letter Bd en voor de Ta het figuur am -, bij den

Javaan de /««//-letter Ta. Moet hij echter een pasnuyau Da schrijven, dan

gebruikt hij i. pl. v. ook wel het teeken dat de iiasaniraii is van de 1 ai ^ 1 ^

zlt;io even genoemde letter uiw Ondersclieid tusschen die twee pasangans maakt hij niet, hij leeft er mee, zooals wij met de figuren /■ en i.

Een tweede opmerking is, dat de pasangan o //Tj), namelijk het figuur

door de Soendanezen dikwijls wordt verwaarloosd en zij eenvoudig de

aksara vi ook als pasangan bezigen. Ze plaatsen die aksara dan onder

de, zonder vocaalklank uit te spreken sluitmedeklinker der lettergreep.

Zoo vindt men bv. niet zelden in plaats van un.». geschreven mi.mi oi

f quot; quot;

iii.H.jit. Nog een andere afwijking hebben de Soendasche schrijvers ziek veroorloofd. In plaats van de aksara rm [Nja), gebruiken zij namelijk, waar het woord met deze letter begint, het figuur yj\ dat een zamen-stelling is van de aksara m (iVa) en de pasanxjan ( n) van genoemde aksara Xja. Deze pasangan is zelf ook reeds een zaïnengesteld figuur, ze is een verbinding van de pasangan jSra ( ^) met de pangmhujkal (^). Wat nu deze gewoonte betreft om het figuur in plaats van de aksara Nja aan het begin van een woord te schrijven, ze is ten eenenmale verkeerd en niet te verdedigen. Een geval, waarin de Soendanees zelf van zijn verkeerde schrijfwijze het bezwaar heeft ondervonden, maar waaruit tevens blijkt, dat de gewoonte ingeworteld is en verzet niets zou baten, aangenomen voor een oogenblik, dat wij het regt hadden ons daartoe aan te gorden, is het volgende. Netnlruppelen, in druppels netrvaUen, bv. van den regen, die door een lek in het dak dringt, beteekent de Soendanees met i.!11.11,1 i/i'xn.gt;,ifi (njaklj/akan). Het woord zou behoonwi te wezen, als zijnde gevormd van / -i i, ^l/lak), een klanknabootsend woordje voorliet vallen van een druppel: njlaktjlakan. Gesclireven met de aksara im (N/a) ; rrn Kn m/I. Maar in plaats van de aksara het figuur bezigend, wist men geen weg met de pasangan J^a en kwam ertoe die maar weg

te laten. Zoo werd het i/yojj njakt/takan. Dat hier wel degelijk

het woord gewijzigd werd ten behoeve van het schrift, bewijst de Passieve

0

-ocr page 17-

II

^ 11. HET SCHRIFT. /

vorm. Deze toch is niet /.Ijji {ffl^U^a^a)l) maar

i.tn nafi (ditjlaktj lakaii).

S 11. IlicnneG is men 11015 niet aan liet einde van de afwijkingen ol wijzigingen. Een paar mogen hier nog vermeld worden. Zoo wordt de pu-sfinfjau van de cikstiTii ito (A'oj, dit figuur: ^ veelal niet zoo, lUftai

quot;•eselireven. Ook krijgt ze wel eens de panjoekoe. Aanbevelenswaardig kan het echter niet zijn 0111 bv. tjèk noe dagang, de verkooper zegt [zeide), te schrijven ; '/t l' ^1:1 i. ))1. V. rjinxm/firjiJinrnw

Bepaald noodig 0111 te kennen is het gebruik, dat men dikwijls maakt van de p(aan(jan der aksara «ji {Tja). Deze is men namelijk gaan gebruiken als pasavgan van de (iksava hsii [Ta), dus in plaats van ^ nam men bet figuur Die zoo als pasavgan Ta gebruikte pasangan Tja hecht men ook wel aan de aksara en schrijft dus bv. i. pl. v. tiiei: wi.Ki\en

i. 1)1. V. ,.u •» gt; Ito ■■ inrmtow Ze kan ook de panjoekoe krijgen, titistoelin

1 If ( f

bv. vindt men wel geschreven i 'n i n gt; i gt; ^ loentaiiglantoeng wel n^ hyn ahw Opmerking verdient , dat hier de pasangan, waar ze voorzien is van de panjofkoi1. uiet gehecht is aan de aksara.

Nadat men zoo de /nisnngan Tja was gaan bezigen als pasangan Ta, moest men voor de eerste een andere tiguur kiezen. A oor de hand lag zeker de .Tavaansche pasangan Tja-gëdi (Jcapitale Tja), t. w. dit figuur ^ of wel, en dit is nog meer in gebruik: ^

Een derde figuur voor de pasangan Ta is dit het is de pasangan Ta-gede (kapitale Ta) van het .Tavaansche alphabet, zooals dat in het bohsche of op Soerakarta in gebruik is.

§ 12. Omtrent de pasangan urn (Ayi) moet opgemerkt worden, dat ze i. pl. v.

^ dikwijls voorkomt in dezen vorm ^ of ^_zoomede dat de er aan te

voegen panjoekoe dikwijls gehecht wordt aan de bovenstaande aKsara. Zoo zal men bv. hadjocna kaioelak koe hoeloc salamhar, i. pl. v. imifrm km vy n.i i.-^i nj^ 1.1 n i /1 \ wel geschreven vinden i n • y »u ^ «y gt;.1 m

, Ook bij de pasangans La en il/ff geschiedt de aanhechting der panjoekoe aan de aksara.

§ 13. Het figuur van de pasangan Sa vindt men in handsi-hriften eenigzins gewijzigd. Het is namelijk doorgaans niet maar ^17

§ l t. Ook de akaara Ba («n) anpMttugau Ra ( ) geven aanWdingtot een paar opmerkingen . wat hun vorm aangaat in handschriften. Dan is namelijk het figuur van de aksara doorgaans '-7 of ol zoo omtrent, terwijl de pasangan geschreven wordt ofwel ^ Het figuur is dat der .tavaansche aksara ol pasangan Bd-r/edè [kaptfate Ba) lt;-■ vlug geschreven, met weglating van het dwarsstreepje. Ook deze pasangan wordt niet zelden met

V

-ocr page 18-

ïgt; 11 KT SCHUIFT. 5 15.

de er hovenstiiande atern verbonden, terwijl, als een pamjwisa l oijtciny-lisal ^gt;) volgt, deze wel in eéu trek met de pasangan wordt geschreven. Zoo zal men hv. liet woord i.li ^ {sémbali) soms geschreven vinden

amp;

In overeenstemming met den vorm der Ha , heeft het figuur der klink-Ictter .1711 (1) , dat niets anders is dan de Ha met een haaltje er onder , gewoonlijk dit voorkomen ^ ot' wel -aj?

Eindelijk liehhen de Soendaneezen ook nog een kleine wijziging aange-bragt in liet figuur der Aya (n) en van daar ook in de fnsangan van die akuara. Men schrijft het letterteeken namelijk in ccn trek, aldus: ^ Desgelijks de pasangan: ^

§ 15. Tot een gemakkelijker overzigt volgt nu hier een tafel van hot Javaansch-Soendasch alphabet.

-ocr page 19-

T^IPEIL. ÜET J-^^A.A.^rSOïi-SOElSriDASGH:

AKS.VUA

PASANGAN

NAAM EN KLANK.

(Aanvooglettor).

AANMER

(Letter).

~JÏ)

(ï ^ n i5) of «jt?

o cx^ OÏ (3 ^K\ (in of fl/il

~JY}

a-, -jïi

□.•„ Q.V

(un \ ft.7) o( (un

s

'Xr)\ (uj of ayy

«. •gt; tëi of ^ aygt;7

(U7 \ rtÜ7 2 of rt/)7 2

(im

(K)

~1 v

-JÏ) 2

m

QJ}

Ha.

m

Ka.

Ta.

Sa. Een scherpe s.

Wa.

La.

Pa.

T)a.

DJa.

Ja.

Nja.

Ma.

Ga.

Ba.

Nga, de nga uit te spreken zooals de ng in tang.

(KYl

asii

(UI (Ui

nut ook wel

(Ui (LD

OfZ (Uil

(F/1

mi

(l il of ^vgt;p of ^-^7

flCl of

iep

ct

......of

......of.... .

Oh.

......of

.....of.....

^ i—-

.....of.

ö.

of -Jfp

. .of.........

O

(IJ)

. .of.........

~J)

.of......

CJ

(IA/)

cd

O

an

.....of......

Co

(in

iep

Tja, de Ij van tjiljten, tjingeleii enz

A , zooals onze a in de eerste lettergreep van Arable. Bv. ö_yi 'fj oruji \ nmal.

]i', zooals de klank in de 2e lettergreep van het woord edele. Is de pamepet zoogenaamd lang, dan is het de klank, beschreven in kolom c van de ta fel der Rarangken. I, zooals onze i in den eersten lettergreep van het woord ironie, van den eigennaam Isabcllc enz. Jiv. i n inang.

Oe, zooals onze oe in den eersten lettergreep van oever. Sv. i ) 'ij oeroet.

K, zooals de e in het Fransche woord ère. Bv. e- ihv \ Ma.

o, zooals de klank van de ö in het Fransche woord

röle. Bv. ij 'i iiifj\ öraj.

IJfi, sterk geadspireerd zooals in hond.

Na.

~jn

Jlet schriftteeken voor de verdubbelde mi is i,j\\ Zoo bv. i i mtn/j ^ngarau) met het aanhechtsel hi (na); n gt; i i.j w Desgelijks {hierbij verdubbeling \ van het aanhechtsel na, outdat het woord met een suffix is gevormd}: uiix^i

m hi .hi \ van ld vn *) Kin (hatoevan). Zoo ook in een woord vóór de aan-

O

j hechtsels an of eun , bv. i ,f /1 ynjjimi/j en iwy hjjj in ? lt;:i /y 'mjj w Ter wille van de uitspraak transcribeert uien-, toepakaneun en njanjaliuwanan.

In plaats van de gt;i met de pamepet, dus i. pi. v. gt;»\ bezigt men dit teeken: xji ( Vasangan: - i).

In 7 Javaanse// wordt het genoemd Pa-tjër6k , .naar de Soendanezen hebben voor dit fi/unr, het is de oji met een haaltje er onder, althans overal, geen bena-ming. Wel voor het haaltje, dit noemen zij vi vi li hup pangrërëk, (quot;) de letter ivi \ volgens hen, er door 'iPgt; njt iu hti/jw Ook voor dr u i mpt ^ das iu {le} gebruiken zij wel het insgelijks Ja va a niche lettert ei ken dat een za men stelling is van de ei {nga) met de pasangan na ( ^ ). Deze laatste wordt, zoo in zamenstel-l'mg tot de ry door de Soendanezen genoemd li ui iy 11gt;/] of o ly l»i^\ (pang-wilët, wil et), de nga, volgens hen. er door rtS rjiinhn/j (diwilët). Als pasangan iy bezigt uien nagenoeg altijd de pasangan La ) met pamepet boven de bovenstaande aksara. Zie ook § 17.

Krijgt de (Pasangan Ka een onderteeken zooa's depanjoekoe, dan schrijft men de geheele aksara. Zie echter § 12.

Vit te sprekeii als onze t. Verbonden niet een onderteeken zooals de panjoekoe, heeft de pasangan de figuur van de aksara. Zie ook § li.

De pasangan wordt niet altijd geplaatst juist onder de letter, maar dik-('\ I

vnjls er aan gehecht, zoo bv. on ij hi hu p gandek. Hjij iy im/j njandak, enz. Zie ook § 10.

De Pasangan wordt ook dikwijls gelncht aan de bovenstaande Aksara, bv. Y itn^gt; \ nendjo.

Aan het begin van een woord is het de Duitsche en Engelsche g zooals in g(dd en good. Aan het einde van een woord is de uitspraak vrij lastig voor den Europeaan. De ademstroom moet dan , nadat men even de g klank heeft laten h oor en, plotseling en met terugtrekking van de de tong, afgebroken worden.

In handschriften vindt men de pasungan (i/)l enz. ook mot den eersten open neerhaal. Deze is dan echter een loeinig kleiner of lager dan de tweede, en die weer minder hoog dan de derde.

Zie ook § 10,

Zie ook 5 10.

(quot;) Iu het Voovberigt van het Nederd.-Mal. en Soend. Woordenboek van de Wilde wordt a a iiji \ rërë als de benaming opgegeven, en Pa-rërS als de benaming van ile a.iw

-ocr page 20-

RARAMKEN'S OF VOCAAL- EN ANDERE TEEKENS.

KLANK OF BETEEKENIS.

AANME11K1NGEN.

NAAM.

FIGUUK.

Het in kolom a opgegeven figuur voor de lange pamepet is niet van inlandsche vinding, het is in een enkele streek, buiten de Preanger, door Europeschen invloed, meer of min in gebruik genomen. De inlander trouwens, heeft geen behoefte aan zoo n teeken, hij weet wel van zelf, waar hij met de lange enwdar hij met de korte pamepet moet uitspreken, gelijk wij Nederlanders ook wel weten, hoe wij de o op onderscheidene wijze moeten uitspreken in de woorden dol en tol of in de woorden tobbe, vvaschtobbe, meervoud tobben en tobben ymet moeite te worstelen hebben in zijn werk).

Maar ook ten behoeve van den vree indeling, die zich op het Soen-dasc/i toelegt, is het onnoodig zoo'7i nieuw teeken te verzinnen. Onnoodig, omdat wij er reeds een hebben in den Panólong (zie iolow a) of Taroeng, zooals de Javaan-sche benaming luidt, in Kamische dicht mat en is dit teeken, het wordt (tan rasvva of raswadi genoemd, het teeken voorde lange vocaal. Wil men het zoogenaamd lang zijn van een pamepet aangeven, dan is het plaatsen van een Panólong adder de aksara zeker wel de meest eigenaardige schrijfwijze. Zoo heeft de schrijver in zijn woordenboek ook steeds de lange pamepet aangegeven , en zat znlks insgelijks in de volgende bladen door hem worden gedaan.

1° ook ^

k ^

en ook soms

'maar zoo slechts in 1 die gevallen, dat liet de zoogenaamde lange pamëpët is.

Pamëpët of wel

a of ^

Panghoeloe. Panjoekoe.

Panelenquot;;.

IWof::::::::

/

2:::of:: «) of::: ^

Panolona:.

Pamach.

of

Jl

Wordt onderscheiden, naar den klank, in de zoogenaamde korte pamepet en de zoogenaamde lange pamepet. I)e korte pamepet is vooreerst de klank e, zooals wij dien hebben, bv. in den eersten lettergreep van berispen, bedeeling enz. Maar ook is het een niet constante klank, varieerende of liggende tusschen aij en eij, zoo ligt bv. de uitspraak van hel woord ruiiUrtu/j tusschen lambaij en lamb eij. Be klank van de zoogenaamde lange, d i. geaccentueerde en e enig zins genasilleerde pamepet is ook niet geheel constant, in zeer veel gevallen is die echter onze en-klank, mits niet uitgesproken zooals bv. in peuteren, leuteren, enz. maar ongeveer zooals de ö in de Duitse he woorden Rawer, löwe enz. Een heel enkele maal wordt in de volkstaal die lange pamepet vervangen door een ö klank, zoo heeft men bv. nevens het woord euweuh, is er niet, er is niet,

als synoniem bwoh. Nog moet opgemerkt worden, dat die lange pamepet in het aanhechtsel

keun, zoomede in de eerste lettergreep van een door reduplicatie en toevoeging van een aanhechtsel gevormd woord, niet geheel die eu- of ö klank meer is, maar dat de klank dan doffer is, ongeveer gelijk aan dien in ons woordje run. Ja, bij zoo'n, door herhaling van den eersten medeklinker van het grondwoord en toevoeging van een aanhechtsel gevormd woord, gaat het geaccentueerde en genasilleerde der pamepet van de herhaalde lettergreep dikwijls geheel verloren. Zoo is bv. de uitspraak van Ji w/js minder leuleungiteun,

dan wel leleungiteun.

i, zoowel in een open als in een gesloten lettergreep en dan zacht, zooals bv. in ons woord liter.

oe, zooals in de woorden moes en pardoes.

è, zooals in de eerste lettergreep van het Iransrhe woord père, maar in een gesloten lettergreep is het de klank, dien wij hebben in onze woorden trompet, smet, leng, enz. Halfzacht is de in enkele woorden, zooals MTj.niLvis sambcjang, hji y m mi sampejan en een paar meer. Deze wijze van uitspraak van de gt;1 in een open lettergreep moet bepaald, als slechts geldende voor bedoelde enkele woorden, worden beschouwd. Men schrijft de paneleng vóór de. aksara, die. er meé moet uitgesproken worden, zoo bv. rfvnrfns bère. Behoort de paneleng bij een pasangan, dan wordt hij (/eplaatst vóór de aksara, waarmee die pasangan is te verbinden. Zoo bv. iu) paudè. Behoort het klankteeken bij een pasangan, die door achtervoeging met de aksara wordt verbonden, dan schrijven het velen voor die pasangan. Zoo bv. djampè in dezer voege: v; gt; i gt;1 vv Maar deze schrijfwijze is onoogelijk en een niet geregtvaardige afwijking van die der Javanen. Men schrijve daarom in zoon geval de paneleng insgelijks voor de aksara, waarmei de pasangan wordt verbonden,

dus u'irj hj! en niet trc 'J gt; tj ~ i w

Heeft de klank van de ö in de Fransche woorden role , pole enz. Maar volgt een a-klank, zooals bv. inde woorden -maJis roda, tut*™* loba enz: of wel een è-klank zooals bijv. in póè, moe enz., dan is de pano long gemeenlijk wat doffer. In het laatste geval, als een è-klank volgt, wordt deze niet zelden zoodanig gewijzigd, dat bv. het zoo even genoemde woord miie—s poè overgaaf in pöj. Gelijk in Soeudasch met ilotl. letters geschreven, de paneleng gevoegelijk teruggegeven wordt door de e met accent grave, zoo ook de pan along door de o met accent grave, dus o. De zoo even aangehaalde woorden ruws nr/rn\ (unt- en hm e- schrijve men daarom met de Latijnsche letters: roda, loba, póè en moe. Zie ook § 18.

Bet eekent evenzoo als in het Javaansch dat de voorgaande aksara, als sluitletter van een lettergreep, zonder a-klank moet worden uitgesproken. Het teeken wordt in loopend schrift dikwijls aan de aksara gehecht. Zoo bij

i:i tut iu? isifl gt; ngawalon.

Dient om een even hoorbare li- of ch-klank aan te geven aan het einde van een lettergreep.

|r;:of:;J ;;;«C;:; j

Panglisad of Pangwisad.

•' of •

De keelneusklank ug aan het einde van een lettergreep, zooals bv. in n t njuj \ pajoeug, i quot; imnq bangët, iamp;n d'i ? \ bëngong, enz.

Zooveel als een ■»» (r) aan het einde van een lettergreep tot sluiting. Bv. m im\ majar.

Als voren, zooveel als de n (r) maar tusschen een medeklinker en den volgenden klinker. Bv. ^ poel ra,

1 H^l/Iquot;quot;quot;? *'quot;/} ^1'080^ krosok.

Wordt gebezigd voor de y.\-klank, achter een medeklinker. Bv. of wel utjjj-n \ kjara;kjai enz.

Het is de Maleische angka doewa, eigenlijk de Arab, cijferletter 2. DU teeken wordt geplaatst aan het einde van een woord, tot aanduiding dat het woord tweemaal moet worden uitgesproken. Nog een anderen vorm van het teeken vindt men hierboven, aan het slot van § (gt;.

Pangnjetjëk.

Panglajar. Pangnjakra.

Pangmingkal.

Pangradjek.

/ of

of::::

xrxof::::;::::::-

dl ^

I r :::::of ::::::::

De oorspronkelijke en ook meest gebruikelijke figuur is de stip.


-ocr page 21-

§ 16. HET SOU HIKT. 'J

§ Ifl. Ik' kiipitalc letters worden niel veelgebruikt. Volledigheidshalve worden ze hier alle opgegeven , met weglating echter van de i . de Nja-gèdè, deze wordt in het geheel niet gebezigd.

RAPITALE L

K 'i' T K 11 s.

AKSARA.

PAS A N(1 AN.

mrt

-

Na-gödc of ka])itale Xa.

n:v

K a-gedè of k a p i t a 1 e K a.

lt;tti

C

Ta-gcdc of k ;i p i t ale Ta. Zie 5 1 1.

r -j

Ivl

m

1 Sa-g6dè of ka])it ale Sa. Pa-gëdè of kapitale Pa.

na

Ga-gedè of ka]) it ale (ia.

'KT

*■:

lia-gedeof ka])itale Ha.Zie^l f.

fin

1'asangan Tja-gèdc of ])a sa n g a 11 K a ]) i 111 Ie Tja. Zie § 11.

§ 17. llaranykm (•n'rin noemt de Socndanees vooreerst de vo

caal en andere teekens, die de Javaan begrijpt onderde benaming Xanihniynii. Maar ten anderen brengt hij daartoe ook een tweetal figuren, waarmede een paar letters van het alphabet tot twee nieuwe lêtterteekens worden zamengesteld. Voor bedoelde letterteekens, het zijn de gt;1 (r^), gevormd door de (u van onderen te voorzien van een haaltje, en de tj (M, gevormd door aanhechting der pasniKjan Na ( aan dlt;' 11 ontbreken benamingen, althans die er mogten wezen, zijn geenzins algemeen in gebruik. Zoo konden de tot zamenstelling dienende figuren, met name de paugrërbk (het haaltje onder de mi), zoomede de pangwilel, aldus noemt men de pnsanyan Na, gebezigd tot vorming van de rj ■ voor hem van den zelfden aard zijn als bv. de panyhodoe of panjoekoe, en bragt hij ze, gelijk deze, tot de rarfnif/ki-n. Maar vermits toch inderdaad de «.» en 11 bepaalde letterteekens zijn, respeetievelijk voor de •», (ra) met patutyH en m (Ja) met /laiiiiprt, zoo mogen wij ze ook als zoodanig beschouwen, en ze een plaats geven, zooals op de tafel werd gedaan, bij de akxarn .v. De paagradjek (zie tafel) behoort strikt genomen, als van geheel anderen aard, niet tot de rarauy-ken. Om geen nieuwe afdeeling te krijgen, hebben wij het teeken er echter manr bijgevoegd.

quot;) Het grondbegrip van dit wooril stemt overeen met de beteekenis vnn het .li»'

vaansdie woord '•gt; ' / j. /1 snudangan , namelijk bekleeding,

CvJ s—'

-ocr page 22-

MKT SCHUIFT.

§ 18. De Soemliinees heeft (zie de tafel) iumgenomen, om de o k limk t(! beteekeneu met het figuur / of lt;? , dat hij pamdony noemt en dat de Javaansche taroeny is. Deze wijze van aanduiding der o klank, bloot door aehlinvoeging van pamilony, zonder plaatsing vóór d(^ aksara van panileng of wel taling, zooals het teeken door de Javanen wordt genoemd, is af ie keuren. Immers (zie ook kolom «Aanmerkingenquot;), oorspronkelijk is de panolong het t eeken voor de lange vocaal in versmaat, het teeken voor de verleng ing of het a a nh un den van den laatsten klinker in den zang. Het gebruik, dat de Soendanezen er tegenwoordig van maken, is dus in de eerste plaats zeker al heel oneigenaardig. Bedenkt men daarbij, dat ze, geen eigen letterschrift hebbende, dat der Javanen gingen gebruiken, die, zoo geheel te regt, tot aanduiding van de o klank een teling met tnroeng schrijven, dan is het bezigen van de panolong, zooals zij zulks doen, ook nog een niet te verdedigen verminking. Maar hoe gegrond deze opmerkingen ook mogen wezen, het is nu eenmaal in de Soendalanden een algemeene gewoonte geworden, om den b klank op de beschreven wijze aan te geven, van deze gewoonte kunnen wij het verkeerde constateeren, in onze hoedanigheid van vreemdelingen hebben we er ons bij neer te leggen.

5 l'J. \ an scheidteekens maakt de Soendanees slechts spaarzaam en dan niet zelden ook nog onoordeelkundig gebruik. Bezigt hij nu en dan een scheidteeken, een tjindék, dan is dat gewoonlijk, ook aan het eind vfftl een zin, de \ de Javaiinsche pada-lingsd, of wel een meer of minder horizontaal streepje. Verdubbeld (w of ; of = ), noemt hij het teeken tjindek g^dè, en in dezen vorm schrijft hij het niet slechts, zooals zou behooren, aan het einde van een geheelen volzin of wel van een geheel stuk, maar ook wel midden in een zin, daar, waar hij een afscheiding noodzakelijk acht.

§ 20. Voorts wordt veelvuldig inbreuk gemaakt op den voor liet Javaansche schrift geldenden regel, dat, als een dor pamuga-H* .m -gt; en voor het .Tav.-Soend. alphabet J«\ J»\ gt;fJn\ Jnts -ti\

-i en a - wegens plaatsgebrek aan het einde; van den regel, niet gevoegd kan worden achter de akfinra, waarbij ze behoort, men iViapnsangan niet mag schrijven aan het begin van den volgenden regel, maar dat men die behoort te plaatsen onder de aksara. Zoo bv. aan het einde vaneen regel, als er geen ruimte meer is voor de pasangan: m.i i.y Inlsa, lt;gt; l gt; \ t soempah.

§ 21. Hoewel Soendanezen niet zeldzaam bekend zijn met de Javaansche cijferletters, zoo gebruiken zij ze toch niet, maar bedienen ze zich van onze cijfers.

-ocr page 23-

OVKK DE ZOOGlüN'A.VMI)K UOOGE WOOHDI'.N.

OVElt DE ZOOGENAAMDE IIOOGE WooKDEN.

In § werd reeds gesproken van de soorten, Wiuirin de hedendiuigsclie Soendiisehe woorden, n.i.ir gelang van de personen, tot of' van wie ze worden gebezigd, moeten worden onderscheiden. Hij de zoogenaamde hooge woorden dienen wij nog oenige oogenblikken s(il te staan. Al dadelijk trekt het de aandacht, dat zeer vele van die woorden ook zijn .lavaansche woorden, en dat ze daarbij doorgaans, niet altijd, ui n i mq. bv. hoog of' Basa voor verzadigd, is N goko in het Javaansuh, zijn

Kramil of' K rama-inggil woorden. Vraagt men naar de verklaring van dit verschijnsel, ze zal gezocht moeten worden in de ovcrheersching weleer der Soendalanden door Mataram. Niet slechts tocli dat het .lavaansch de diensttaal werd, hetget^n zoo bleef', ook nadat dc Compagnie de meester was geworden, maar ook voor zaken en toestanden van het dagelijksch leven moesten onder de hoogere standen wel tal van .lavaansche woorden in gebruik komen. De jaarlijksehe deputatien met materieele hommages naar Mataram hebben zeker ook menig .lavaansch woord van daar meê-gebragt, dat eerst door de volkshoofden onderling gebezigd, van lieverlede overgenomen werd door den kleinen man, om het te bezigen tot de hoofden of wel onderling als men hoffelijk wilde zijn, wilde toonen zijn wereld te kennen. Ook de nog ten huldigen dage door grooten en minderen gebezigde spreekwijzen, zooals bv. * /■ n' / i o'''' f_i xmIiiii ajinnjjvnc- [Lcxicoi! bij itji itji ernjf), of wel: (Kj*)

(Suppl. bij rjaShnq), wijzen, door hun .lavaansche woorden, op die tijden. In zulke streken, waar als een gevolg der ge-isoleerde ligging, de bewoners betrekkelijk zeldzaam in aanraking kwamen met de hooldplaatsen en de daar verblijf houdende hoofden, die veelal het Javaansch patroneerden, werd, niet slechts in die vroegere tijden maarook later, het Soendasch natuurlijk minder aangedaan met .lavanismen. Een sprekend voorbeeld daarvan uit den nieuwereii tijd, hebben wij in de taal der assistent residentie Tjiandjoer (Freanger l!.(^gentschapp(!n). Op de hoofdplaats Tjiandjoer zijn namelijk een groot aantal .lavaansche woorden in gebruik, die, naar gelang men het Regentschap dieper indringt, ook zeldzamer worden aangetroffen, om ten slotte in de ver afgelegen districten nagenoeg onbekend te zijn. Het 'igen van deze .lavaansche woorden dag-teekent uit den tijd van den vader van den tegenwoordigen regent. Hij was van oordeel, dat hel Soendasch gebrek had aan zoogenaamde hooge woorden, zoomede dat van die, welke het bezat, sommige niet mooi genoeg waren. In overleg met en geholpen door de ter hoofdplaats bescheiden, hein ondergeschikte iulandschc iiiubtenaren, slaagde hij er in, een aanzienlijk

-ocr page 24-

(

13 OVER rgt;E ZOOGENAAMDE IIOOGE WOOHDEN. § 3:5.

Lretal .lavaimsclu' lt;gt;11 ook ecnigc Malcische woorden in te voeren, te bezigen als men sprak tot een meerdere. .Maar kon liij aldus de taal ter hoofdplaats als liet ware reglementeeren, en kwamen de door hem gewensehte woorden ook wel van lieverlede in de omstreken der hoofdplaats in zwang, in de ver afgelegen distrikten bleven ze tot dusverre ongebruikelijk.

§ 23. Ging in dit geval de invoering van Javaansclie woorden tot ver-fraaijing of meerdere sierlijkheid der taal, uit van de hoogere lagen der iidandsche maatsehappij, onopgemerkt mag niet blijven, dat de kleinsman zelf ook geenzins ongenegen is, om, waar het de kennis der wetten van de tata k ra ma, van de wellevendheid, geldt, den .lavaan te besehouwen als boven hem staande. Van daar, dat hij ook er al spoedig aan toe is, om als een Soen-dasch hoog woord ontbreekt en hem het Javaansclie bekend is, dit laatste te bezigen, .la, de zucht om, waar dat pas geeft, zoogenaamde hooge woorden te gebruiken, gaat soms zoo ver. dat, weet men zich niet anders te redden, men ze maakt. Zoo heeft men voor Soekapoera, de

naam van een regentschap der Freanger, den basa vorm Soekapoentën, uitgedacht en in die streek voor het woord i'i^nioenjpiig, koorts, als basa woord verzonnen (moerinten).

§ 24. Het zal niet behoeven te worden gezegd, dat het invoeren van Javaansclie en andere woerden, enkel en alleen tot opsiering der taal, geen toejuiching verdient. En zeer zeker moet het smeden van Javaansch l\ ril m il-achtige woorden ten eenenmale afgekeurd worden. Intusschen, men heeft hier te doen met een niet weg te redeneeren neiging der Soendaneezen, en als zij die volgen, dan doen ze ook nog niets anders dan gebruik maken van hun goed regt, om Juut taal te spreken en te schrijven naar hun welbehagen.

§ 25. Zondert men af van de zoogenaamde Ha sa of hooge woorden, zulke, die aan het Javaansch werden ontleend, zoomede de enkele, die oorspronkelijk Maleisch of wel Hollandsch zijn, en ook nog die, welke hier en daar verzonnen werden, dan houdt men de hooge woorden over, die als in de taal oorspronkelijk te huis behoorende, mogen worden beschouwd. Hun aantal is niet zoo heel groot. Hier volgen eenige; mgt;gt; tn/mj voor i .it i y i gt;1 j hocstt'H ; i ' i ' n .vn ƒ voor ui n i in ' h/ütt. mdtUH'Jjjk;

en i 'i nj tLi j voor in 'Ij' h(i(tvioroit(j; i 111 i voor ïji i-h . Ï'O 'itiot ' ia irmici/f. voor n riÊhii. iemand of iets n/i r/cii rutj dragen; i it.nih\ voor ri i''^' 1111p iets verkoojit'H : ' i gt;i? i/ i11\ voor ii.t n i t,ii\ ecJityeuoot, liinn; ,i gt; n .7,1? j I/ voor iJtrrnfiijs al, reeds, voor U* in/ gt; i.; klaar, afgedaan, en voor tii gt; .ti ? i den adem Uehhen idtgefilazen; i y 'i voor in in 1.1 j eten, voedsel, voor tnijmp eten, en voorts een Hasa. heüttelijk voormamwoord ran den 2t' persoon; voor i i ri njs/celd, dat kunstmatig kan

worden besproeid; yu uit\ voor hi}.nj kind; rli quot;/'iquot;7 '/' voor ici i ji ii iiij

-ocr page 25-

OVER DF, ZOOGENAAMDE HOOQE WOORDEN.

de inlondxchc hoed; ihjjj111 n,] (y. n het kind van oen aanzienlijkequot;) voor tr.t hji *\ alleen (kinmoi) loopen ; n gt; u t i ] voor gt;/ m . i i i. wy o/j , verhrnikt; nrn oi1.1;;\ voor tLirji' vallen, als nic-ii staat of'loopt. hiv/..

§ 20. Hescliouwt men zulke B a s a woorden als in de vorige § eenige werden opgegeven, wat van naderbij, dan valt het in het oog, dat ze zich eigenlijk door niets van de gewone So n gon g woorden onderseheiden.

Van enkele zou men kunnen beweren, dat ze wat welluidender zijn, dat meerdere liefelijkheid voor het oor er toe geleid heeft, om bv. lut-n^n o. i, te gaan bezigen als 1 gt;:l s !i voor ; 'i 'ni /1 i j rrtt ? en Ui tii ~ngt;:gt;-i j oi wel (iin te gebruiken als li a s a voor i i quot;) Kn een dergelijke

bewering zou misschien ook nog opgaan bij een woord als -mfiMiij het Easa voor mr.rjgt;\ rallen, als men loopt of staat, maar wattezeggen van het zeker niet welluidende woord lt;mgt;gt;niigt; 11i,p Basa voor i./i i y i.uj hoesten. Hier moet de reilen een andere zijn, maar welke?

Als men aanneemt, dat het Soendaseh is een eigene, een bijzondere vertakking van de zich over den Lndischen archipel uitbreidende hooi'd-vertakking vun den l'olvnesischen taalstam , dan schijnt het niet gewaagd te stellen, dat nnym/u .i in het Soendaseh oudere regten heeft dan in .ui dat yok Maleisch en Bataksch is, dat men met een zeer gebruikelijke letterverwisseling als ,i i i y i.ii j vindt in het .lavaanseh, en ook. maar dan in den vorm van bato, in het Madoereesch.

Is echter mu' rnt.n,] werkelijk het oudere woord, waarom is dan juist dat het Basa woord. Het tegenovergestelde zou men eerder verwachten. Ofwerden welligt voorheen i n en nu^ntnuj beide zonder twijfel

klanknabootsende woorden, nevens elkaar gebruikt , en is de onderscheiding van het eene als Songong en van het andere als Basa, een geheel willekeurige onderscheiding van lateren tijd, die pas noodig werd, toen de taal, gelijken tred houdende met de toename in beschaving van het volk, een beschaving, die een onderscheiden van sommige woorden als zoogenaamde lage of wel als zoogenaamde hooge woorden met zich bragt, zich reeds tot op een zekere hoogte had ontwikkeld?

quot;) Bijzondere opmerking verdient, dat, in het TjiriSbonsche, gebruikt

wordt als Basa woord voor dut de benaming is voor een rijstveld, dat ffeeu

sawah is, m. a. w. voor een rijstveld, dai nief kunstmatig wordt besproeid. Uit dit verschillend gebruik van ngt; gt; its mag men met grond opmaken, dat dit woord oorspronkelijk, behalve dat er iets dergelijks meê benoemd wordt, met de woorden a-i ujij en )/ƒ i) niets te maken heeft, en dat het slechts, bij meerdere ontwikkeling van de taal, toen men behoefte kreeg aan mooije woorden, geheel willekeurig, hier als Basa voor i.i gt; igt; elders als Basa voor x.n n ia gebruik genomen is.

18

-ocr page 26-

OVKR DE WOOHDVOUMIXfi IN MKT .VLGKMEEX.

liet uiouclijk , dut te ccuiijcL' I'M de uitkomsten dor studie van de oudere taal een hevrcdii^eiid antwoord uiou;elijk zullen maken op deze en dergelijke vragen, voorloopig echter zullen wij ons met liet constateeren der feiten moeten vergenoegen.

OVKU DE W()()RDVORMtNG IN' HET ALKEMEKN'.

^ 27. De woorden, die men in het hedendaagsche Soendascli als stam-of grondwoorden mag hesehouwen, zijn meestal tweelettergrepig. Verscheidene zijn af te leiden van eenlettergrepige wortels, maar hóe ze daarvan gevormd werden, kan, als zijnde niet zelden geschied langs wegen, die de taal nu niet meer kent, hier buiten bespreking blijven, wij hebben slechts te maken met de wijzen, waarop in de taal, zooals die thans gesproken en geschreven wordt, de woordvorming plaats heeft.

§ 28, Die vorming nu heeft plaats, vooreerst Aoov voorvoegsels, itiroey-se/s en aan/zec/itse/s, verder door lierlmliiKj of icrdii/jlieliui/, hetzij van hid woord, hetzij van den eersten medeklmker, welke laatste wijze van woordvorming men met quot;Reduplicatie benoemt en eindelijk door zaiiietisteUiuy.

§ 29. Xog een andere wijze van woordvorming zou men kunnen verlangen, dat werd besproken. Het is die, waarop, door verandering van den uitgang van het woord of wel door dat met fijner klinkende vocalen uit te spreken, daarvan het Basa woord is gevormd. Zoo bv, uijyinji Basa voor utihi* moed Ih'hhen; '7' gt;-1 voor 1.7* n naar yissimj; aji voor

i'i ''ijquot;x veryiJJenis ; ii'n 11/? /.i\'oor t rn i n\ verliocil, vertelhuy; i*'/ *-gt; iisn? j.■ voor hun mi beducht; :ki m i i hl hi/]\ voor JI /|7 I I-n\ alles; T / IA 7°!* en 111 gt; hivoor ' i li .■; voorbeeld, cenjelijkimj; i iii i n? i i,j voor j-i li wi evenals; gt; I\ voor n jyi wesen, uiterlijk. Kn met fijner klinkende vocalen: i, n ui i ^ voor gt; y i^ , moeten, hehooreu; i. n gt; j li lii en j.m ' y' y ui ; ii lil j voor !■ ii n i -1ii in j en in n ƒ n ƒ / ^ ry iiiqi schuld, v er ij r ij]); ! iiiii-nj voor i^uyirp iets eiscl/en , vorderen, van iemand iets afeisebeu of afoordereu, beide van een aanzienlijke, en wel Basa loehoer en Basa voor iets

vragen, verzoeken, (üi (Pasiief iSrjxjiM j_-i »lt;i) van iemand wAa verzoeken. Enz. Op een heel enkele uitzondering na zijn echter deze soort B a s a woorden of zuiver .Tavaansch of wel, zooals bv, i j io Hi// en i j u j.Jhi/]\ met nabootsing van het .lavaansche taaleigen, gevormde hooge woorden. Op grond van dien, meent de schrijver de vrijheid te hebben , hier te verwijzen naar de .lavaansche Grammatica van Prof. Iloorda, alwaar (§ 91 en 90, Rerste uitgave zoomede § S I- en 8:5, Tweede uitgave), de vorming van dergelijke K riimii- of Basil woorden wordt besproken.

-ocr page 27-

§ 30. OVER DE SOORTVKHDEKLIXG DER WOORDEN IN DE SOENU. TAAL. 15

OVER DE SOORTVEitUEEMNT 1 DER WOORDEN IN DE SOENDASCUE TAAL.

§ 3U. Hij lt;lc venleelinic der woorden in soorten, zullen wij de wijze, waarop zulks voor de Europeesche talen wordt gedaan, slechts ten deele kunnen volgen. Al dadelijk vallen weg, van de voor genoemde talen aangenomen soorten van woorden, liet bijvoegelijk naamwoord zoomede het lidwoord. \oor het eerste, het adjectief, heeft het Soendasch geen eigen vorm, en voor het artikel, liet lidwoord, geen eigen woord, zooals wij dat onderscheiden. De woordjes ao en waarvan wij het eerste dik

wijls met ons bepalend lidwoord dt en het tweede met ons onbepalend lid w o ord een moeten vertalen, zijn liet bet rek kei ij k voor naam woo rd du-en het telwoord ren. In het bijzonder moet opgemerkt worden, dat, zooals trouwens in onze taal ook wel geschiedt, voor sommige rededeelen, een en het zelfde woord kan worden geoezigd, zonder eenige verandering in den vorm. Zoo kan bv. liet woord tKi.nis\ beteekenen fout, misslag, schuld, maar ook schuldig zoomede mis ziju, terhterd zijn, schuldig zijn of schuld hehlicu; bv. het woord n^ t ^ \ utooi ook moot ziju en bv. het woord ■•»lt;■»»gt; voorspoed, ook voorspoedig ziju of voorspoed hebben. Uit deze voorbeelden zien w ij ook, dat, waar in liet Soendasch een adjectief, een bijvoegelijk naamwoord. als een prcd icaat wordt toegeschreven aan iemand of iets, geen werkwoord noodig is zooals ons zijn. /00 zegt men, bv. liet adjectief id/oji/s omce-teud, onervaren als predicant aan iemand toeschrijvende, zooals in Ahim is omcetend (of onervaren) in het Soendaseli eenvoudig ^ 11 / m t ui / \ Ahim tch bodo, en desgelijks met het a dj eet i ef ui/m' i,,ip hort, bv. van een stijl, zooals in die stijl is te kort, zonder eenige verbinding : » }i,bii lt;

\ eta tnuh tihang te.hpondok lening. Ook een substantief, een zelfstandig naamwoord, wordt wel op die wijze in een gezegde aan een onderwerp toegeschreven. Zoo bv. met het substantief «.m-. schurk -.

tf / % djoerocdjana eta mali djalëina tèh, een schurk is die man of die man is een schurk.

§ 31. Een opmerking, rakende de woorden, die wij als voorzetsels onderscheiden, is deze, dat daarbij een paar zijn, die het uitdrukken van het werkwoord onnoodig kunnen maken. Met het Soendasche voorzetsel wordt dus in sommige gevallen meer uitgedrukt dan met het llollandsche, hetgeen in het oog is te houden bij de vergelijking van deze woordsoort in beide talen. \ ooral zijn liet de voorzetsels naar en ■ van, waarop het bovengezegde van toepassing is, wat de werkwoorden betreft, die door deze prepositie^ onnoodig kunnen zijn. het zijn zulke, zooals gaan, vertrekken, reizen enz. ook wel komen, dus werkwoorden, waarbij van een ligting sprake moet wezen. Zoo bv. ; in t.tt i.n 1 n gt;' 1 1.11 :n ir?» (jj r 1111

' ' ' C\ l C\J C~ t l

-ocr page 28-

IIKT quot;WERKWOORD.

).i li iioo matiik koerin^ ka Bandoeng, sabal) di saocr koi^ poon bapa, de reden dat \k tiaar Uattdoetty (ja , is dat ik door vader word onthodeu; i y gt;ij m; r~ .m ui] 1:1 ij i i hu ut Si nu rus toelocj rta awrwr kalocwaï' dcui, daarop yitnj (of kwam) die vrouw wen' naar /juiteti; desgelijks i» i.m gt;aumflt;unrt.j\

.0 o quot;gt; ■» ■gt; / i v •

i.-i. f t -^y gt;. n f ijhx f t ji i ïli hn\ i- n i.) u i i.ii /. n n foh rn hutj rLi\ OJU'cing licpi

ka Tjibeureum, amprok djeuiig doewa djalema lalaki, kaoela tikidoel, èta tikalèr, loeit ik tot aan 'Iji/ieiirenin was gekomen., ontmoette ik twee i.iatineit. ik kwam van het zuiden, zij kwamen van hel noorden.

§ 32. Na deze enkele opmerkingen gaan wij over tot de bespreking van liet werkwoord, de woordsoort, die ook in een Soendasehe spraakkunst niet regt boven aan wordt geplaatst en liet eerst behoort te worden besproken.

HET WERKWOORD.

§ 33. Wij onderselieiden de werkwoorden naar hun vorm in:

A. Onvolledige werkwoorden.

B. Eigenlijke werkwoorden.

Onder de laatste verstaan wij:

a. het eenvoudig werkwoord. Hierbij bespreken wij ook de werkwoorden, gevormd met heludji van een der voorvoegsels i,-j\ ,iqjj\ ih of .if) \

Ij. het werkwoord, dat begint met een neusklank en uitgaat op het aanhechtsel an, dat wij onderselieiden als de eerste transitieve vorh/ en noemen het transitief werkwoord.

c. het werkwoord, dat begint met een neusklank en uitgaat op het aanhechtsel kenn, dat wij onderscheiden v\s de Itceede transitieve vorm eu noemen het causatief werkwoord. Tot die zoogenaamde eansatieve werkwoorden brengen wij ook zoon werkwoord, dat gevormd is door een der hierboven genoemde werkwoorden, mits niet zoo een, dat zamengesteld is met een der voorvoegsels i ' i ■gt; i in of lt;] te voorzien van het voorvoegset ir'i\ en, zoo het geen camatief werkwoord is, ook nog van het aanhechtsel rnf in/jw 1 li t wordt wel een rernplaceerend causatief werkwoord genoemd.

Eindelijk behandelen wij nog een derde soort werkwoorden:

C. Zulke, die gevormd zijn met behulp van den klank oem , en ook nog een vierde soort :

1). werkwoorden, gevormd met behulp van hel voorvoegsel barang.

16

A. Naar den vorm onvolledige werkwoorden.

§ 34. Een naar den vorm onvolledig werkwoord is zoo een, dat iederen

-ocr page 29-

het werkwoord.

vorm mist, waaraan een werkwoord uiterlijk kenbaar is. liet is bijna altijd een van die woorden, welke wij onderscheiden als grondwoorden, een enkele maal is het ook een grondwoord en zijn herhaling met veranderden klinker of veranderde klinkers, waarbij nog op te merken valt, dat die herhaling ook wel eens wordt liet eerste gedeelte van het woord en dat daarbij ook wel voor een gemakkelijker uitspraak een medeklinker wordt gewijzigd. Uier volgen eenige zulke naar dm ronu onvolledige werkwoorden: 7^ ^ s. b. bl. ■tlaptm; j^\ sb.

diicJiti'ji, iets duchten; n Ji\ s. b. yuan; \ s. 'y»» ; li.

zich oprijten uit een liggende houding; c_,^ sb. heeten lieyen, ontkennen iets gedaan te hebben of ergens te zijn geweest; 1 n 1)1 s. im i'n/ . h. verlanyen, hegeeren; i l lij i.n j, s. . nu 1.11,1 p. en soms b. n'ir»?), hl. zitten; /p-i i.y? (,^\ sb. raunnelen, snateren, anappeti; hasb. opkomen, van hetgeen werd gezaaid; l» m^\ sb. omhooy zien; .tmu.li-. s. b. in

sommige streken ook b. hiaten, houden van iets; tu.vrigt;\ s. fin 1

.1:11 b. rrt/Zt-,/, als men staat of loopt; .m ün zich dompelen in ven rnod-derpoel, van buffels, badaks en varkens; ™?j!,lt;. s. n,.gt;,Sïs w. kunnen, ui 0yen; hn n ,1 i.nj-, s. 1 y m. li. zitten, rijden op een rijdier of voertuig;

zich hemoeijen met iemand of iets, kwaad doen. aan iemand, Molesteeren; mk^Cikii ,,^ sb. te water yaan; sb. aanhrenijen,

plaatsen; ,biit lt; :^\ duiken; zich afscheiden van dt- kameraden of

yezellen , waartnec men op 't pad is, zoodat men niet bij elkaar blijft, van weywerpen, achterlaten, aan zich zelf overlaten; uuxinnuij zich bevinden alteen ol met zijn heiden in een huis of op een eenzame plaats, van 11 lui i.u.p naam van zekeren vogel, die zich gaarne op eenzame plaatsen onthoudt. Enz.

§ 35. De naar den vorm onvollediye werkwoorden, die we in de vorige § bijbragten, kunnen niet, door voorzien te worden van den neusklank, den vorm en de beteekenis krijgen van het eeiivoiidiy werkwoord, waarover later, wel kan van sommige, zooals bv. van iSiuj tm/f en 1 y n een zoogenaamd transitief of wel causatief werkwoord, waarover insgelijks later, worden gevormd. \ oor dat aannemen van den neusklank en daarmede van den vorm en de beteekenis van het eenvondiy werkwoord, zijn echter niet alle onvollediye werkwoorden, zoo zullen wij ze kortheidshalve noemen, onvatbaar. Zoo heeft men bv. van het onvoliediy werkwoord, dat ook een zoogenaamd grondwoord is, trrt.i mj-. schudden, bewegen, het ecn-voudiy werkwoord u f?i 1 1 tnj tegen iets, bv. de tafel stoot en, zoodat die in beweging komt; iemand, bv. iemand, die zit te schrijven, stooten, hinderen , door hem te stooten; van het onvolledig werkwoord mede een yrond-woord, iyi:n{\ zich hewegen, het eenvondiy Kerkwoord 1,1, „^\ iets, bv.

17

-ocr page 30-

UKT «KUKWOOUD.

eeti h!ing!ain|) in heioegmg bremjeu, zooals door er met de handen aan te zitten, er niet af te blijven Enz.

§ 36. Wat nu de beteekenis betreft van een zoogenaamd onvolledig werkwoord, ze is eenvoudig deze, dat liet van een persoon of zaak iets zegt, daaraan toeschrijft. Wat het zoo zegt of toeschrijft, kan zijn een bedoeld of onbedoeld doen van dien persoon of werking van die zaak, het kan ook een gesteldheid wezen, waarin zich die persoon of die zaak bevindt of geraakte. Niets meer wordt er door beteekend. Mot .19♦/■«.»».-gt;ƒ bv. slechts het doen, dat wij benoemen met zich lemoeijeu met iemand of iets; met (ciniets anders dan de werking opkomen van iets,dat werd gezaaid, met fjÏ' }.u^\ i iriiKii/i en ni m; blootelijk de gesteldheid ot toestand van gezeten zijn, zittende zijn oi zitten.

§ 37. Vraagt men, welke de reden is dat sommige grondwoorden zoo maar als werkwoorden worden gebruikt, dan zal het antwoord moeten luiden, dat die reden niet is op te geven. Zoo zal het bv. wel onverklaarbaar blijven waarom men en niet .1:1 ^'1 zegt voor gaan, ofwel

/tinrm? en niet migt; voor omhoog zien. Daarbij komt ook nog, dat het spraakgebruik soms beide vormen toelaat. Zoo bezigt men bv. j.i /1 maar ook in ti voor (een in dichtmaat geschreven stuk) zingende lezen. Weêr eenigzins anders is het gelegen met vnaui en jm i t u waarvan ik het eerste in het woordenboek vertaald heb met vertrouwen , vertro/acen stellen op iemand of iets, en het tweede met iemand of iets vertrouwen. Als men bv. Gresch. van Abd. en Abd. bl. 115 5 r. v. b. in «1 iPn vc ajt £trn-n «1 ^mn r— lyii-i3.1.} f.r!},!?— uim i. pl. v. iviajia.Lt las ^ m j mj dan zou de Soendanees (lilt, als een grove fout, veroordeelen, maar als men voor het wzu op den zelfden regel las lui lu\ dan zou hij dat wel niet ngeunah, d. w. z. het oor- en het taalgevoel niet streelend, en daarom ook niet goed vinden, maar daarmeê zou het ook gezegd wezen. Het schijnt wel, dat, in het algemeen gesproken, het verzaken van den neusklank bij een werkwoord, dat daarmee is gevormd, veel minder kwetsend is voor het oor en het taalgevoel van den Soendanees dan, bij een zoogenaamd onvolledig werkwoord, het voor voegen van den neusklank of het verwisselen van den beginmedeklinker met een neusletter.

Hoe het zij, dat de onvolledige werkwoorden niet scherp af te scheiden zijn van de andere is zeker, en wij zullen het wel moeten toeschrijven aan het dikwijls grillige spraakgebruik, dat bv. gezeten zijn, zitten beteekend wordt met inivyunjj en imSajyuv/i niet bestaat, maar dat bv. voor over elkaar heen zitten, van iemandstanden, men èn 1.10^rmj) èn ja^mag bezigen.

§ 38. Overgaande tot de beschouwing der Eigenlijke werkwoorden, bespreken wij in de eerste plaats:

IS

-ocr page 31-

11 KT U KliKWOOItn.

§ 39-

ISI

a. Het eenrovduj werkwoord. De werkwoorden, yeronud met een der voorvoegsels i i * ilii of .i j w

§ 39. De werkwoorden, die wij, met het ooj; op dn wijze van vormingquot;, eenvoudige werlcwoorden noemen, hun vorming heeft plaats, door den eersten letter van het grondwoord uit te spreken, met een der neusklanken ms as injjj ot' iiv ook, door voor het grondwoord te voegenden neusklank r.iw

Namelijk:

Is de beginletter van het woord, waarvan het werkwoord wordt gevormd een ibii\ dan wordt die uitgesproken met den neusklank maar hierbij gaat de .b» geheel verloren, liet uitspreken van dien medeklinker vordert namelijk een harden, van den neusklank daarentegen een zachten adem-stroom. Medeklinker en neusklank kunnen dus niet in denzelfden ademstroom uitgesproken worden, de mn wijkt, en wordt vervangen door de dooiden neusklank. Zoo is bv. van ki i. stomp, stobbe vaneen gevelden hoorn, het werkwoord 66,1 toenggoel brandhout hakken; van xm

Lormp regtstreeks, regelregl, liet werkwoord om n/ i.-r/ m j regelregt zich begeren of regelregt zijn weg neuien naar iemand of naar een plaats.

Ook van enkele met de sisletter ),j beginnende grondwoorden wordt, bij de vorming van het werkwoord, de am de beginletter. Het zijn uitzonderingen op den regel (zie hieronder), dat de ».» vervangen wordt door de neusletter Zoo bv. van getuige, het werkwoord echtscheiding

gaan vragen wegens kwaadwillige verlating, van een vrouw. Een synoniem van is gt;a i. a J. een werkwoord, gevormd van het grondwoord n.i

,i.ii JJv welk laatste evenzoo als i i r» t:i j beteekent getuige.

§ iU. Desgelijks wordt wel van het grondwoord ioi1;het werkwoord gevormd met behulp van den neusklank mw Hier is de beginletter van het grondwoord de a-i\ en de regel is (zie hieronder) dat dan de neusklank m wordt voorgevoegd. De regelmatige vonnis dus i:i Qi rii en deze is ook zeer gebruikelijk. Maar evenzoo gebruikelijk is tiu i i/\ gevormd, zooals werd gezegd, door de beginletter, de rioi\ uit te spreken met den neusklank m\ waarbij de a;i verloren gaat. Beide , ^iaJ/ iji en i.i? vys beteekenen zie». Vrg. Jav. Gramm. 2e Uitg. § 95 1J.

Is de beginletter van het woord, waarvan het werk woord wordt gevormd, «en der klinkers óm. v.iw aj\ c~ of i-j of wel de medeklinker mix dan

v üS- r~

wordt die uitgesproken met den keelneusklank nw Daarbij valt van de n\ de klank zamen met dien van de ms terwijl van de ((ji)\)s a nx ir)\ e-en i-) de klanken met den keelneusklank worden gecombineerd tot r? (i .i /)\ il\ iep ij ri\ en ii/w Wat de i.» betreft, deze gaat verloren om de-

-ocr page 32-

HET WERKWOORD.

zcllUe reden als zulks plaats heeft nu^t de i»* l)ij uitspraak met den neusklank i.j 39). Zoo wordt liv. van .• lt; Ojii/. gevormd het werkwoord im;\ heuoi/eii. bedoelen; van i.'w spiegel, het werkwoord 'inden xpiegel :ien; van *'nhh.tii.j (tun- het werkwoord op een draf lou-

peti; van 11 geregeld, or del ijl:, het werkwoord orde stellen

o]) iets; van r-ry ong. het werkwoord iemand in alle opregtheid

dienen, op iets zich vertrouwen of rerlaten; van t) i/ m n ij. soort klvchtspeler, het werkwoord ogel zijn ran beroep, ff/.v ogel een voorstelUng

geven; van 1.ngt; u/1.. j afgesneden stuk, plak, plakje van een hrood, het werkwoord 1 ]gt; 11/ i.nf iets, zooals bv. brood, snijden.

§ H. Koven werd gezegd, dat, als het grondwoord tot beginletter heeft do klinker e..\ bij voorvoeging van den keelneusklank in de è klank daarmee tot y 1.) wordt gecombineerd. Van dien regel wordt somtijds afgeweken, zoo heeft men bv. nevens ^ ii i ) gt;i\ den vorm voor: iemand

beschaamd zoeken te maken. (1)

§ ■12. Is de beginletter van het woord , waarvan het werkwoord wordt gevormd een it of een ut\ dan wordt die uitgesproken met den verhemelte neusklank Maar ook hier gaan in de uitspraak de ki en de m ver

loren, zoodat de eerste letter van het werkwoord wordt de tnjiw liv. van

t.ijr 1 j voldoende, toereikend, is het werkwoord gt;y ƒin iets (voldoende) voorzien; van noj h'11 vonder, is dat lyji'quot; overeen vonder gaan; van aquot; 1. y \ elleboog is het \ iemand stoeten met den elleboog; van kant,

zijde, rand, is het na igt;i\ op zijde gaan, naar den kant komen. Enz. Dat van enkele met de .»,) beginnende grondwoorden bij de vorming van het werkwoord de i.i door een m wordt vervangen, dit werd boven (§ 39) reeds opgemerkt.

§ 43. Is de beginletter van het woord een dan geschiedt de werkwoordsvorming door genoemden medeklinker, die ook hier weder verloren gaat, uit te spreken met den neusklank amp;i\\ Zoo van dwang, het

werkwoord rii.n^i\ iemand dringen, er toe forceeren , met alle geweld willen; van m y ».i0\ afgedaan, het werkwoord een zaak nitwijzen, testis sen,

afdoen. Van r/.u*n\ ong. (^2) is het werkwoord lt;y.tjki iets vragen, verzoeken.

(1) Bij C, hieronder, zal gesproken worden over de wijze van vorming va» werkwoorden zooals ij 111 ]ijl van het grondwoord r—aJt my desgelijks ^ j i. i\ van het

grondwoord ' 11 en derg.

CJl

(2) Eens voor al wordt hier opgemerkt, dat »0;^'(oiiuiebruikelijk), gevoegd achter een grondwoord of als zoodanig geldend woord, niet insluit, dat zoo'n woord ook niet in dm Imperatief wordt gebruikt.

20

-ocr page 33-

11 KT UF.HKW OOIU).

Door een zonderlinge verwisseling van den lipneusklank met den keel-neusklunk i,i\ bezigt men nevens 'i'ti.i ook 11,^1 \ maar de Passieve vorm

is ook van ilit laatste r] 11 ,i_i1 .

1 11

§ -tl. Op dergelijke wijze als van de met een mt beginnende woorden, wordt ook wel liet werkwoord gevormd van zulke, die den medeklinker .1 n tot beginletter hebben. Meer gewoon is echter de voorvoeging van den keelneusklank 11 voor het woord. Zoo heeft men van n^ rnnnj ony. het werkwoord j 1,™ .isn j draayen, op ckh draaihanlc draaijen, maar de meer gewone vorm is i-nryici^hii/jw A an sommige met genoemden medeklinker beginnende woorden, zijn beide wijzen van werkwoordsvorming algemeen en nevens elkaar in gebruik. Igt;v. van i hv^kij ony, is het werkwoord ,n • f' 1,) ol'wel 11 cn ij i^p vergelden, wreken. A an anderen daarentegen wordt het werkwoord uitsluitend, hetzij op de eerste wijze, lietzij op de tweede, gevormd. Zoo is van ^ m ^ -n\ ony. het werkwoord -»1 1 lyn \ geven, iets ycrrn, maar van 1 n ni insgelijks ong. is dat 1 nm 1 h deelen, verdeelen, iemand iets toedeel en.

§ 15. freen zuiver Soendasehe maar eigenlijk Javaansehe werkwoordsvorming heelt men in n : i-ti i 1 ui 1 en derquot;'. Van de twee hier (.1 I 1.1 I -1 a

genoemde, is het eerste gevormd van het klanknabootsende woordje'i y mj^ ons plof, en wel door uitspraak van den eersten medeklinker, wiens klank in dit geval niet verloren ging, met den neusklank u. en het zoo verkregen woord itihroek met het voorvoegsel a. liet in dier voege gevormde werkwoord j lt;/.■ ii.ny beteekent op den grond ploffen, neerploffen, van een nog al groot dier. 11 v. Sp. d. J. bl. 80, 1 r. v. o. 3 /1 ^ ; 1.1 gt;111 y i'i^(i 1 i n j i i' gt; i n Sn ,Ci i.ijni]\ de geilen ploften op den grond, morsdood. Op dergelijke wijze als !^i(f y.ii/j\ van (ryhnp zijn ook gevormd j-l-i 1 r-nti j.hti/j van 1 y n 1 J 111 j\ :~l * quot; i,j van ry ■ 11 U'I HIJ\ enz.

§ 1-0. Begint het woord, waarvan het werkwoord moet worden gevormd, met een in* m ivi\ m* (tci. \ m / ■ ;i t)l m dan geseiiiedt zulks door voorvoeging van den keelneusklank nw Bijv. van a n lii? 1.1,y* dakhedeklciny, is het werkwoord 1 n n .lii? .li]\ een huis, sehuur of dei^. dekken i van gt;iyi) kettmy, keten, is het 11 nij^is iemand hoeijen, in ketenen 'S la (in ot kl Ut ken ; van (.mi/ de vertooning van dien naam, is het »-»vuii de wajang rertoonen; van n 1 rn' i 1 j st/fk kont, hamhoe ot stok, nangehonden tegen iets voor de stengheid, is het 11 iliitui u/j. een takop aanhreugen; van /Ji i,-i\ t/oete, is het in ins iemand in de hoete staan, heboeten; van rij, regel, is het

iiL-iü; op een rij staan of zitten, een rij vormen; van iaj, iii\ ong. is liet jiiui^ins een kind verwekken; van vijand, is het mii.jy. iemand

heveehten, den strijd nanhinden tegen iemand; van rn in • met rest gelaten worden, rust hebhen, van een veil nadat het voor de eerste maal is be-

21

-ocr page 34-

22 HET WEKKWOORÜ. § 17.

werkt, is het ii.iiirrn\ een veld eeiiuje dacjen met rust laten, alvorens het verder te bewerken. Enz.

§ 17. De uitzonderingen op den in de vorige § gegeven regel zijn niet zeer talrijk. Hier volgen een paar. lgt;v. van ^ uniinoost, oostelijk, het ounten, is het werkwoord niet 11 ij vi,wi mi p maar oostwaarts gaan ;

van maaksel, werk, is het werkwoord niet kitS.lii/igt;rtjj\ maar

i,y jiuiwq•• iets maken, cov.slrueeren, vervaarditjen; van l-lt;/6^t ony. is het werkwoord niet n iJtiZii' maar waarnemen met hetgeziylsoryaan,

:ien. Van ij m ij m m j ong. heeft men nevens den werkwoordsvorm i.i lt;i.m gt;j in a i j ook f/ i i ij iti riijt Heide beteekenen bijten. Kvenzoo van ct'ntn ong. de werkwoordsvormen itncma^ en voor over den grond slepen,

van den buik van een dier zooals een varken of wel van den staart van een paard.

f -18. Door het in § 46 genoemde werkwoord zagen we, dat,

begint het grondwoord met een neusletter, zooals het geval is met het woord de keelneusklank n wordt voorgevoegd. Zoo dan ook als

het woord begint, hetgeen zeer zeldzaam is, met den neusletter maar daarbij valt op te merken, dat die beginletter of eerste medeklinker van het grondwoord, zooals trouwens veelvuldig geschiedt bij vorming vaneen werkwoord door voorvoeging van den keelneusklank .ri\ wordt geredupli-eeerd of herhaald. Hv. van i.jj \ pijn, smart, pijnlijk, is het werkwoord r.i ,.jjhii gt;]\ hetgeen beteekent: iemand kwellen, zeer doen, kwetsen. In dit geval doet de lied u plica tie, over welken grammatisclien vorm later zal worden gehandeld , niet af tot de beteekenis.

§ -l'.t. liet spraakgebruik van de, in het opschrüt van dit hoofdstuk, genoemde werkwoorden, zal wel het best verklaard worden, door het geven van een reeks van beteekenissen, met de noodige voorbeelden. AVij beginnen met de in de vorige §§ besproken werkwoorden, namelijk zulke, die gevormd worden door den eersten medeklinker van het grondwoord, uit te spreken met een der neusklanken an\ n* of .ti of wel door voorvoeging van den neusklank i;i . voor het grondwoord.

§ 50. Van die werkwoorden dan kan de beteekenis wezen, al naar gelang hetgeen door het grondwoord wordt beteekend, of: (a) een werkzaam zijn, een doen, overeenstemmende met de eigenaardige fnnctie van hetgeen ienoemd wordt door het grondwoord, zoo bv. van het grondwoord a.ïi/ i t .i mi iets, bv. een lat, ergens tot klemming aangehragi: n il ij n ,; 'Vii/i \ klemmen, geklemd honden; van i n ' j u i dienaar: 11 ' j n /\ dienen; of ^1)) een hezigen, gel/ruiken, werken met hetgeen het eekend wordt door hel grondwoord, zoo bv. van het grondwoord 'jquot;/^ schaa f: quot;/ jquot;l'' schaven; of (^c), als het grondwoord is de benaming van een rang, betrekking of beroep, een hekleeden van dien rang of die heirekking, een uitoefenen van dat heroep, zoo

-ocr page 35-

HET WERKWOORD.

l)V. van rvi .ij) a it N soort politiedienaar; a.trniij paljalamj zijn; vim -Vi? 11 .Vquot; dansmeid: wriilt;r]rfn\ ronygeny zijn; of (d) doen, een verriytiiuj, waarvan hetgeen door het grondwoord wordt heteekend, is het object, bv. ngt;£ji\ in den spiegel zien, (van ij? 'm*\spiegel), ook soms het doel (bv.

naar het noorden gaan, van j, n rj n i het noorden). Mede kan de beteekenis zijn een hehiandeling op den grondslag of den voet van hetgeen door het grondwoord wordt uitgedrukt. Hierbij wordt de eerste lettergreep van dat woord herhaald. Bv. van ,ƒ .m hm , mal, gek, ui gt;i -m ij on rui iemand uitmaken voor mal of gek, van iemand beweren dat hij mal of gek is, maar ook iemand voor den mal of voor den gek honden. Eindelijk kan ook, als het grondwoord do benaming is van een localiteit, liet werkwoord beteekenen zich begeven of gaan in die localiteit, zoo bv. van i.ii/rLigt;\ de ruimte onder iets, zooals een huis, tafel, rijtuig enz. milii\ gaan in de kolong. Desgelijks waar het meer bepaald de benaming is van een soort verblijfplaats; drr-gelijk verblijf of dergelijke verblijven gaan betrekken, zich neerslaan in dergelijke verblijven. Zoo bv. j') m n m,/ (slechts gebr. in geschriften): zi/n intrek nemen in een pasangrahan, zich neerslaan in, ten dien einde opgerigte, pasangrahans of dergelijke, van ,1.1 i'i n^; i ntegenwoordig de benaming van een soort logementen.

§ 51. Wij gaan nu over tot de in het opschrift van dit hoofdstuk in de tweede plaats genoemde werkwoorden. Allereerst, die, welke gevormd zijn, door voor het grondwoord te voegen het praefix waarmeê ook een der later te bespreken Passieve vormen wordt geconstrueerd. Ze beteekenen in veel gevallen niets anders dan een daad, handeling of verrigting van een persoon. Zoo bv. van viwi^ong. het werkwoord ijl v.ij ui Lnij paré mijden otoogsten-, van j^irn ong. het werkwoord /i s. /Pi /.: 111 j en '1 gt;■ ^ gt;■;: t i i j iï.

zich het hoofdhaar wasschen, zich het hoofd reinigen. Maar ook niet zelden is de beteekenis dezelfde als die van het eenvoudig werkwoord , gevormd met behulp van den neusklank (zie voorg. § aldaar d), namelijk een doen, een bewerking of werking, waarvan hetgeen door het grondwoord wordt beteekend is het object, het voorwerp, hetzij omdat daarmee wordt gehandeld of gewerkt, hetzij omdat het is het doel of wel het uitwerksel van de handeling. Bv. s. i'ci .n^iMp B. zijn tanden zwartmaken, van .n k]\

benaming van het daartoe gebezigde preparaat; iS.mijui\ s. njïki i 1 n iq h. werken, arbeiden, van nmj vi en ,tci .■ i n ij werk, arbeid', tv i.iiui\ geluid geven, van i.ri.i \ geluid.

Opmerkelijk is het, dat van ó.-i- ong. en van ó^imi-. postuur, een werkwoord gevormd wordt, zoowel met behulp van den neusklank als door voorvoeging van het praefix i.-Iw Maar het spraakgebruik heeft aan Kt ik en hSjjjhk zoomede aan nny. en *3lm* verschillende beteekenissen

as

-ocr page 36-

HET \V F. UK WOO li I).

toegekend. Terwijl itjjk beteekent een dier zooals een pn.anl dresseer en, is de beteekenis van keren, zich oefenen in iets. En ,i,mo betee

kent -tiieleii, een of andor kansspel, maar nSlj-juys rechten.

§ 52. De werkwoorden, gevormd door liet grond- of stamwoord te voorzien van hef voorvoegsel ^ onderscheiden zich in den grond der ziiiik slechts door een gewijz.igden vorm en een meer of minder gewijzigde beteekenis van dis eenvoudige werkwoorden in § 50 besproken, liet i^ namelijk meer dan waarschijnlijk, dat genoemd voorvoegsel j.yy niets anders is dan de verhemelte neusklank i.^\ in de uitspraak met den eersten

medeklinker van het volgende woord overireu'aan in j.'in\ en dat (lus bv. ah t

, gt; . . , ,, gt;' .

ui ui' hil''lquot;ls iij.ji quot; li^ i.j.j iiij.i//\ nhjiijtK) enz. vervormingen zijn,

door middel van een in de uitspraak geboren neusklank, van iyj m m .wjny yji v ld lijs a.rjiiij.ïgt; ' en :hj,ji ti.hi\\ Ook de beteekenis van de zoo even opgenoemde en dergelijke, met behulp van het voorvoegsel ijj gevormde werkwoorden is aan deze opvatting niet ongunstig. Die is namelijk: een (jer'ujt zijn met dat, heUjeen dour het grondwoord wordt leteehend, naar een zekere streek ot naar een zeker punt, ook wel een zitten, liyyen in een zekere jioiitie, aangegeven door het grondwoord, en ook wel een zich rijten naar het jmnt of de «treek, heteekend door het grondwoord. Zoo beteekent bv. nj (\ ;ui j y n I hnofd) liggen met het hoofd gekeerd naar bv. het zuiden; i.yyiyMN waarvoor ook wel ^ of i.i ut (van .gt;.ijui\ ong. iu het Soen-ilasch, maar zeker wel hetzelfde woord als het Mal.^^j) ocndjoer ook hoendjoer, uitgestrekt (niet gebogen), zooals bv. een been; uitaestrekt zijti\ zitten met de heenen regt voor zich uit; i'ji ih ln (van mi hi zijde, kont, fank) , op zijn zij liggen; .üjjiLi ui/ zich rigten naar een lager punt, p.nAW voor een helling afgaan, afdalen van een helling , van iii,ui/,;\ punt o[ ler-reingedeelte, lager dan dat, waar men zich lievindt of dan dat, hetgeen tot has is dient voor een vergelijking. \ ooral waar de zin van zoo'n met het voorvoegsel ut i gevormd werkwoord is: zich rigten naar het jmnt of de streek, heteekend door het grondwoord (waarvan het zooeven genoemde nit/jitruy^ een voorbeeld), springt de overeenkomst in beteekenis met een door middel van den neusklank gevormd eenvoudig werkwoord duidelijk m het oog. Wat meer is, ry i gt; 1111 /.i t j en it.ittiirtij (beide van jtiii'iil voor') zijn synoniemen, beide Ijeteekenen het gelaat keeren of gekeerd honden naar bv. het noorden, en is dan ook het Basawoord voor beide hetzelfde, namelijk mij tnj*

§ 53. Zoo n , met behulp van het voorvoegsel i.yy gevormd werkwoord kan ook, met behulp van het aanhechtsel min waarover later, tot een zoogenaamrl transitief, en met behulp van het aanhechtsel t.hgt;.u]p waar. o\er insgelijks later, tot een zoogenaamd causatief werkwoord gemaakt worden.

24

-ocr page 37-

IIKÏ WERKWOüHi).

§ 54. hem eigenaardig soort van werkwoorden wordt gevormd door voorvoeging van liet praelix .is?, voor het grondwoord. De zin van zulke werkwoorden is altijd aeeidenteel , ze beteekenen namelijk «-/.», dal met iemand of iets (jeschiedt, dal //em of aan dat iets overkoml, hetzij zou maar, als hel ware van zelf, hetzij als een uitcloeisel of gevolg van ecu zekere omstandigheid. Zoo beteekent bv. ,7, ./ƒ r» gt;*i/j (van het klank- of geluidna-bootsende woordje iy gt; ncmj) storten, ploffen, en wel onbedoeld , van een menseh of groot dier in iets zooals een kuil of put. Bv. Sp. d. .1. ld. 75 , 4 r. V. O. i }i gt; i li n n. ii ij n i ih (.M 1,1 n^i n j 111.1} I in Ij IJl 111 Jtrl duurde

niet lang of de ezel plofle in den door den adjag gemaaklen kuil; id. bl. 76

3 en 4 r. V. 1). gt;. 11 III-: li i ii i ill* hi / i i,ii* 1,11 i/i ti 1,11 /I : i ii },i 1,1 j j /1 li ui lil

(J /1 cn /co h ' quot;IJ)

•iquot; J al wie een kuil graaft voor zijn naaste, stort er veelal zelf in. Een ander voorbeeld is ui ih/i^i n i,^ gevormd van .lÜ ? i y duiken; het beteekent naar de diepte gaan, zinken, onbedoeld, van een menseh oi' dier. Hv. Sp. (i. J. 1)1. 1. V. ikil J-l' yi t ia * ru t 1lii ui ? i jt ; i,j ij ; 7 LU Z/j (de bij) slierde ml, plompte m hel water, ging naar de diepte en het scheelde weinig of ze was haar leven kwijt. Duidelijk komt hier de eigenaardige be-teekenis uit van een met behulp van het voorvoegsel .Cu gevormd werkwoord. Hel naar de diepte gaan of zinken, doet de bij, niet als een daad of ver-rigting van haar uitgaande, het overkomt haar, en wel al^ een gevolg ol uitvloeisel van de omstandigheid, dat zij in het wnter plompte. In het eerste woord van de aangehaalde plaats hebben wij nog zoo n met j'7, gevormd werkwoord, namelijk Cu n '-n ? m ? i n j a Dit beteekent uitglijden vu wel ren heel eind uilslieren \,iet dt-n voel of pool. Ook hier is de beteekeni» zeer duidelijk. Het uitslieren doet de bij weer niel, als een doen of verrigting van haar uitgaande, hot is iets, dat haar overkomt, bij het willen gaan drinken aan den waterval.

§ 55. \an «ï? hui ry' j moet hier nog opgemerkt worden, dat het ook beteekent verdrinken. Bv. 11 i:j ,i ir j i,i Ci i C i j i; i j A . A . zij// sterven was verdrinken, d. i. N. A. verdronk of is verdronken. Dat lt;2/1 itn/] ook de beteekenis kreeg van verdrinken is niet vreemd, die beteekenis is een logische voortzetting van de eerste: onbedoeld nunr de diepte gaan of zinken.

§ 56. Ilet zal niet noodig zijn meer voorbeelden bij te brengen, de zin ol beteekenis van deze werkwoorden is altijd dezelfde. Maar er is toch nog een punt, waarhij we even dienen stil te staan. Te weten, van sommige grondwoorden wordt, met behulp van den neusklank, een eenvoudig werkwoord gevormd , dat in een vertaling dezelfde beteekenis heeft als het van dat grondwoord, met behulp van het voorvoegsel Cl/ gevormde werkwoord. /00 bv. van , 'gt;/quot;/. mj j/if uf en Cu 1.11*1 mm.11/^ beide zijn te vertalen met nilglijden\ van /.y ij i 1; up (ien klanknaboot-

-ocr page 38-

26 HET WERKWOORD. § 57.

send woordje, / nry en beide te vertalen mei glijden,

glippen, vallen , van iets zooals koflij, rijst ol' derg. uit den zak. Maar /.00 moge men beide vormen met hetzelfde woord kunnen otquot; liever moeten vertalen, ze zijn daarom niet altijd verwisselbaar. Zegt men bv. ir.iy ii)gt;i/niiuiirm^n ( nt:11/ u / i:ii.i.rn i y\ i/i viel op den opstap, doordien ik uitgleed op een steen, dan mag men hierin iTiuii ij rmci .1.11,7 niet vervangen door xjytvj.lU'iJtihn/j\ omdat het uitglijden hier bepaaldelijk iets is, dat overkomt, de spreker hcam uit te glijden. Daarentegen mag men bv. in a.j

l) O 1 a.

jnj ij .uil gt;tci lii hl h-} kii:ii iij\ ■}■) jl 7/ ut 1.11 j ■ (y n j 111 ï,'y 11 gt;t gt;1: f ^ in'

plaatste den voel op den steen, hij gleed uit en ik viel, i. pl. v. itqjjquot;!

ibni) wel .tTnaji! ijn-tio tovj) bezigen. Men kan zich namelijk het uitglijden,

i. pl. v. als een verrigting, uitgaande van den voet, in welk geval wjiij n 1

na kit] moet worden gebruikt, ook denken al# iets, dat den voet overkomt.

§ 57. Intusschen, niet altijd wordt hel verschil in zin en beteekenis van de hier bedoelde vormen van werkwoord even streng volgehouden , soms zelfs heeft het spraakgebruik ze als onderling verwisselbaar gedecreteerd. Zulks is bv. liet geval met het hierboven reeds genoemde 11.11,11] en het insgelijks daar genoemde citybeide te vertalen met glijden, glippen, vallen, van iets, zooals bv. rijst uit den /.ak. W il men bv. in i'j vi i^ir^ïhii 11'quot;j mi' 11/ i:r£rji ƒ ,1^11,11.11 rj. hier gleed gisteren mijn geld uit den :ak, i. pl. v. iÏii i.y ij 1.1 in bezigen r 1 i:y ijgt;i.j geen feoendanees zal er bedenkingen tegen hebben. Toch bestaat er grammatisch onderscheid, met .i?i 1 y -tj 1 ^i »/j beteekent namelijk de spreker het glijden uit den zak als het geld overkomen, met r.iry^ 1 ƒ 1117 zegt hij, dat het geld, als een daarvan uitgaande handeling, uit den zak gleed.

§ 5S. Behalve de reeds besprokene noemden wij nog, in het opschrift van dit hoofdstuk, de werkwoorden, die gevormd zijn met behulp van het praefix i,n\ Door de met dit praetis gevormde werkwoorden wordt beteekend: iil een doen , een verrigting, waarvan het subject tevens is hel object, of een plaats -en, een honden van een of meer lichaamsdeelen, of wel van het lichaam , in een bijzondere houding of positie. Zoo bv. alih.yi^ s. ri3 rj wi •1X1 \ B. zich warmen bij een vuur. Desgelijks .gt;31.nhjji en gew. zich de handen ot de

voeten wasschen, van het Javaansche woord banj oe icalev, il i ngt; i]gt; i.iijn zich het gelaal wasschen, van i i'igt; ».ivmi j gelaat, gezigt. quot;Ier beantwoording van de bedenking, die men zou kunnen maken, dat bij toch eigen

lijk de handen of voeten het object zijn, en bij hJi jmz i h.vu j zulks is het gelaat , wordt hier opgemerkt, dat, voor den Soendanees, aJ) geen voorvoegsel is, en voor hem .Mm tg j en .i3 iri) i i.-i\ t.uj geen zamenstellingen zijn. Al is .™ i .ii1;mij-, gelaal, ook een van zijn meest gewone woorden, het er meê zamen-gestelde iTi-iu beteekent voor hem niet meer dan zich wasschen.

-ocr page 39-

HET AVEHKWOOKD.

met dieti verstande, dat liet niet is eeu icassclten van het geheele lichaam, maar bepaaldelijk of uitsluitend van het gelaat. Zoo behoort ook, wat hier trouwens voor de hand ligt, met het oog op banjoe, dat niets anders be-teekent dan water, ml lt;quot;quot;/£ ^ worden o]igevat. iCji-nj.jj ol' rmq/j! is zich toasschen, met dien verstande, dat hel niet is een wasscheu van het yeheele lichaam , maar bepaaldelijk of uitsluitend van de handen of wel voeten.

Onder het tweede lid der definitie, valt u.u de handen op de borst

op of over elkaar gelegd hebben of houden, zooals men o. a. doet bij het verrigten van het gebed; voorts 3,1 gezeten zijnde, bv. op een balustrade,

de heenen honden in een schuine rig ting en naar den-elfden kant gekeerd, zooals een vrouw doet die te paard zit; ook allaiioii, staande in het water of, als het ondiep is, op de hurken zittende, als een deel van het baden, door het bovenlijf achterover te buigen, het loshangende haar dompelen in het taaier, dat men er dan laat doorstroomen, hetzij tot zuivering, hetzij opdat het, ten gevolge van duiken in en door elkaar zittende, weer uit de war zal geraken; ook nog aSuzi/xiw gezeten zijnde, leunen op een regl uit gestoken arm, waarvan de hand plat op den grond ligt-

§ 59. Daar straks (§ 58) wezen wij er reeds op, (lat voor den Soendanees of) geen praefixis, maar een onafscheidbaar deel van het woord. Dat zulks werkelijk zoo is, wordt ook nog hierdoor bewezen, dat van sommige, niet alle zijn vatbaar voor vormverandering, als waren het grondwoorden, wordt gevormd een zoogenaamd transitief of wel causatief, ook wel eens oneen transitief èn een causatief werkwoord. Zoo bv. van »3t:n^ of dD,it»i jgt; 58) het transitieve werkwoord aïj^t.n of ,)■! j im * gt; i t,)j ■ iemand

(een ander) de handen ol' de voeten wasschen; van Miivitaji (§ 58) het causatieve werkwoord 3,7 j igt; 1:11th 1.1] /10^\ aan iemand (hier het geheel genomen voor het deel) het sidengdang bewerken, door hem zóo te plaatsen of te zetten, bv. op een paard, dat hij sidengdang; van aSitiifQnenp (§ 58) het transitieve werkwoord vy ji i!/1:1/itiii hip ienuuid (een anlt;lur) het geziyl wasschen, en het causatieve werkwoord ,),y y i'm 1 h r,y een of ander water, bijv. een geneeskrachtig water, bezigen om zich het gezigt mee te wasschen.

§ (iO. Met het oog op het feit, dat zoo van sommige der met het voorvoegsel j,/ gevormde werkwoorden, niet slechts met behulp van de aanhechtsels, maar ook door de beginletter uit te spreken met een over-eenkomstigen neusklank, dus door ze te behandelen als waren het grondwoorden, wordt gevormd een tra ns itie f of wel een causatief werkwoord, ook wel beide, mag men dus met grond aannemen, dat de inlander de kracht of functie van het p raef i x niet meer gevoelt, en dat het voor item niets anders is dan de eerste lettergreep van een woord, dat de beteekenis heeft van een werkwoord.

27

-ocr page 40-

HET WERKWOORD.

§ 01. Ook van oen, met behulp van het voorvoegsel ^ (J 52) zamenge-stclil werkwoord, kan, wij zeiden hot boven reeds (§ 53), oen zoogenaamd causatief werkwoord worden gevormd, en wel op de gewone wijze, door hot te voorzien van hot aanhechtsel i.n'mj (,§ 6'.l). Zoo bv. van ilj i ,n i/in up -//'« zij li ij ij eu, hot causatieve werkwoord ƒ r?i inn gt; .w/j \ iemand op zijn zij ley ij en. Van het voorvoegsol wordt dus door don inlander do kracht of functie wel gevoeld, on is hot voor hem goenzins, zooals het praefix zelfs in aJJjSjecïViii,i\ oen onafscheidbaar deel van hot woord, m. a. w. bv. het zoo even gonoemdo .hjj,hin is ook voor zijn taalgevoel zamongesteld uit oen grondwoord im ui on oen neusklank, waarmeê oen werkwoord wordt gevormd. In verband daarmee, is, gelijk van .yjji'i'iii it

li.ij hot Passief is ' i ;.JI:nI rit1 j ■ van J1'' 1'1 ' J dan o(.)k hot

1) . quot; lt;• ^ • Ci 3' quot;gt;

i tlSSlf'1 ici (K) )n m j.u i asiy w

§ 02. Ton slotte wordt omtrent de mot hot praoiix .lIi gevormde werkwoorden § 51 hier nog opgemerkt, dat zo voor olko vormverandering onvatbaar zijn.

ij. De eerste Tratisilieve vorm.

§ 63. Hot transitief werkwoord, zoo noemon wij, ondor opmerking dat di' benaming gobrokkig is, do eerste transitieve vorm, is oen werkwoord, dat begint met een neusklank en uitgaat op hot aanhochtsol an. Het kan gevormd worden van een onvolledig werkwoord 3-t) zoomede van oen der in hot vorige hoofdstuk besproken werkwoorden, behalve van zoo een, dat met behulj) van hot voorvoegsel .b7i (§ 5-i) is goeonstrueord. \ an oen onvolledig werkwoord of ander grondwoord hoeft do vorming plaats, door, onder voorvoeging; van den neusklank of wol uitspraak daarmee van den bogimuedoklinker van hot woord, do zooeven genoemde lettergroep au aan te hechten. Van een werkwoord, dat mot oen neusklank begint, door hot te voorzien van hot meergomolde aanhechtsel, van oen werkwoord, dat gevormd is mot het voorvoegsel i?i\ door, ondor aanhechting van au, dat voorvoegsol te vervangen door den neusklank, en eindelijk vaneen werkwoord, dat gevormd is met behulp van het voorvoegsel af) (§ 58), door, ondor aanhechting van an, de beginmedeklinker n uit te sproken mot den overeenkomenden neusklank i,yƒ 42, 59 en 00).

§ 04. Gaat het grondwoord of liet werkwoord uit op een medeklinker, dan wordt die in het schrift verdubbeld, maar in de uitspraak wordt zoo n medeklinker afgescheiden en met het aanhechtsel verbonden. Zoo schrijft men bv. liet, van hot grondwoord ; ieuil, rijstsrli/inr,

gevormde transitief werkwoord: xiiaixu pare opslaan m een schuur.

2S

-ocr page 41-

het wehkivoord.

maar zegt ngalcui-tan. Gaat het grondwoord of werkwoord uit op een ^ (panglisad), dan wordt het aanheehtsel i -t my (an), onder den invloed van d(^ voorafgaande adspiratie in schrift tot rnhij (han), bv. het, van het grondwoord iltyy speeksel genormde transitief werkwoord njidoelum, wordt geschreven j maar in de uitspraak wordt het aaidieehtsel, tenzij

hij hard oplezen, weinig of niet gewijzigd.

§C5. Eindigt het grondwoord of eenvoudig werkwoord op een ' (pangnje-tjèk, zie de tabel), dan ondergaat het ook in de uitspraak geen verandering, maar in schrift wordt de eerste letter van het aanhechtsel, namelijk de j_.; vervangen door de m. Zoo schrijft men bv. een mensch of

dier met een hoer any venconcten ofwel daarop vanyen, van r.n ■ i' i voetangel, angel, ergens geplaatst om een mensch of dier te verwonden of wel een dier er op te vangen, maar men :egt ngaboerang-an.

En gaat het grondwoord uit op een der klinkers i, oe, è of ö, dan wordt in de uitspraak , bij het overgaan van de klinkers i en c tot de volgende a, het aanhechtsel als van zelf .manp en bij het overgaan van de oe en de o tot de a van het aanhechtsel, dat laatste als van zelf cv up

De zoo in de uitspraak gevormde halfklinkers m en ui-, worden ook veelal in plaats van (5^» geschreven, zoo schrijft men bv. gewoonlijk ii/ iliiumji ran of /jij iemand koop en en niet .-l/rrj't./ m/i Desgelijks gewooidljk iy .y ui iniip op iemand of iets passen, en niet j ,

§ 66. Zoo'n zoogenaamd transitief werkwoord nu, kan, zooals boven (§ 63) werd gezegd, zijn gevormd van een onvolledig, van een eenvoudig, zoomede van ecu met behulp van een der voorvoegsels iPilt; yjj of »3 gevormd werkwoord. In alle die gevallen is het een werkwoord, dat, hetgeen door het onvolledig of wel ander werkwoord wordt uitgedrukt, beteekent als overgaande op een object , waarmee het dikwijls onmiddelijk, zonder voorzetsel, maar soms ook met behulp van een voorzetsel, is verbonden.

Is het transitief werkwoord gevormd van een grondwoord, dat een substantief is, dan beteekent het een behandeling of bewerking van een object, met dat, hetgeen door genoemd grondwoord wordt aangeduid; ook wel een zijn, een optreden tegenover een object, als dat, hetgeen met het grondwoord wordt beteekend. Is het gevormd van een grondwoord, dat de benaming is van een hoedanigheid, dan beteekent het een behandeling of bewerking van een object, die ten doel of tot uitwerksel heeft, hetgeen door het grondwoord wordt beteekend.

Is hel eindelijk gevormd van een grondwoord , dat optreedt als een zoogenaamd bijwoord, dan is de beteekenis een, ten opzigte van een object, doen. waarvan hetgeen met het grondwoord wordt beteekend, is doel of uitwerksel, ook kim de beteekenis wezen, een, met betrekking tot een

29

-ocr page 42-

HET WF.IIKWOOIU).

object, zicli bevinden ter plaatse, door lu^t grondwoord aanfregeven ol'genoemd.

Zoo beteekent bv. het, van het grondwoord mede onvolledig werkwoord vn f i gt;. n:j zitten, rijden op een rijdier of voertuig, gevormde transitief werkwoord f i^ hi, m -j: een rijdier berijden, op ot in een rijtuig zitten; het, van het grondwoortl mede onvolledig werkwoord aPinjt^ i.u^ zitten, gevormde transitief werkwoord i lui.ujhiiMf : zitten, ff aan zitten op iets,- het, van liet eenvoudig werkwoord hijmi^ wijken, de wijk nemen, zich verwijderen van de plaats, die men inneemt, gevormde transitief werkwoord MïiKiiptun^p iets ontwijken, mijden , vermijden, ontgaan; voor iemand uit den weg gaan, voor iemand den wijk nemen; het, van het substantief of) ftn \ gouden of koperen hoofdsieraad, dat o. a. door bruid en bruidegom wordt gedragen, gevormde transitief werkwoord iemand met een sirjer tooijen; het van het

substantief getuige, gevormde transitief werkwoord aoai.n^iui

van iets geinige zijn, hij iets optreden als getuige; het van de benaming van hoedanigheid .i.iu.ii'np rood, gevormde transitief werkwoord iets, bv. de beginletters van pada's in een wawatjan rood kleuren, rood maken, maar ook rood worden, zooals van het gelaat; desgelijks van lt;-lt;ip klein, het transitief werkwoord m tj'Cu iets kleiner maken,verkleinen; maar ook verschrompelen, van iemand, tengevolge van ouderdom; en eindelijk het van het zoogenaamde bijwoord ani knimnjjs digt hij, nahij, gevormde transitief werkwoord irn i1;i.maQiM.p iemand ol iets naderen, in de nahij-heid komen van iets; naderbij komen, zoomede het, van bet bijwoord ^ 17^ hoven, gevormde transitief werkwoord ijiiLjOrj-nm/j*. ook: zich bevinden hoven iemand of iets, gezegd bv. van de aan den zolder hangende lamp.

§ 6G. Maar nog meer kan door een zoogenaamd transitief werkwoord worden uitgedrukt. Er kan namelijk ook door beteekend worden een herhaald doen, een veelvuldigheid ofwel aanhoudendheid van hetgeen met het eenvoudig werkwoord wordt gezegd. Zoo bv. ^ rm.Mfw Terwijl het eenvoudig werkwoord i.j ri ■ beteekent: een boom of een bamboe vellen, kappen, is de zin van twee of meer, eenige boomen of bamboe's vellen.

Bv. (resch. v. Soepëna bl. 13,12 r. ' ^ / ^ i.j j m 11 i n i, 17.i -..i i-n 1 j gt;,n j ii gt;i gt;■ t j i :_-i

mi )ƒ k'i 1] i.ip 1 in ij ia hi.-iT^-ili.'i •. daarop velde B'1 lianan in allerijl ham hoe s voor een ran ltd den Soepëna te bonwen huis. Een ander voorbeeld vinden we bl. 59, 10 r. dsn C) rt) ij 10 iU) i)i ki quot; m r 1 ^ j ry n tc~,iv.n rf) ixj j ?.ƒ lt;ifl) in iki n)\ dinar vorst bhoa. Tasari bleef maar voor zich kijken , terwijl hij herhaaldelijk of aanhoudend de tranen afwischte. Het eenvoudig werkwoord nj^asn,] beteekent tranen of zweet nficisschen , het transitief werkwoord Tjji-i^ Dnjj zulks hij herhaling of aanhoudend doen.

§ 07. In sommige gevallen eiseht het spraakgebruik dezen meervoudsvorm van het werkwoord. Een bijzondere beteekenis heeft die alsdan niet.

:50

-ocr page 43-

IIKT WERKWOORD.

Zoo is rijst stampen, maur k^i^ dkki^ behoort men te Ijezigen voor

iets anders dan rijst, hv. kruiderijen ofquot; koflij -slampen; uajijvyi werken met den. paljoel, een stuk grond hmerken met den patjoel, 1) maar wordt geëischt, waar het niet is een formeel met dlt;'n patjoel bewerken van een stuk grond, maar slechts een niet den patjoel bijwerken of in orde hremjen, zooals men hv. een rijstvelddijkje doet of wel een met den paljoel ran onkruid zuiveren, bv. van het plein voor het huis; n uj htij is een vijver of put uithalen, uitgraven, maar behoort men te gebruiken voor

iets, zooals bv. het vuil, dat zieh verzamelde onder een huis, bv. met den patjoel, uithalen, hij et kaar halen.

§ OS. Opgemerkt behoort ook te worden, dat niet altijd het werkwoord voorzien wordt van liet aanhechtsel an, m. a. w. den vorm van het transitief krijgt, of, wil men, meervoudig wordt gemaakt, om het herhaald doen, de veelvuldigheid of wel aanhoudendheid van hetgeen er meê betee-kend wordt, aan te duiden. Trouwens, waar, zooals dikwijls het geval is, door een of ander redewoordje reeds het bij herh al ing doen of de veel vul-digheid wordt beteekend, is dat meervoudig maken van het werkwoord ook niet noodig , en zon dat dikwijls maar Mji.y stijf zijn. Maar ook in andere gevallen vindt men wel het eenvoudig werk woord gebezigd, waar men met reden het transitief werkwoord zou venvachten. Zoo vindt men bv. (ïeseh. van Abd. en Abd. lil. 19, 1. r. voor in de hand houden gebruikt het eenvoudig werkwoord ^ f, n iLijw Echter bl. 117, r. 1, 121, 7 r. zoomede Sp. d. .T. bl. 136, 4 r. voor in de hand houden, vasthouden het transitief werkwoord Deze laatste vorm is de goede, want het

eenvoudig werkwoord luy beteekent eigenlijk niet meer dan vatten,

slechts door het voorzien van het aanhechtsel an krijgt het de beteekenis van aanhoudend vatten, d. i. in de hand houden, vasthouden.

c. De tweede Transitieve vorm.

§ 6!). liet causatief werkwoord, zooals wij met een gebruikelijke benaming den tweeden transitieven vorm noemen, onderscheidt zieh van het transitief werkwoord, wat den vorm betreft, door het aanhechtsel. Dat is namelijk niet S^nni.p maar kenn. Dit aanhechtsel i;ij/ tn j is wel

hetzelfde suflix, dat wij in het Maleisch hebben als kan, en dat niets anders is dan het van de eerste syllabe beroofde voorzetsel akau. In Javaansche poezie treffen wij het het aan als ken, in Javaansch proza in den vorm van eun ij kn en iuh i, n j w

1) Als de Passieve vorm wordt echter ook na ao/js gebezigd.

-ocr page 44-

HET WERKWOOKD.

§ 70. Gelijk liet transitief werkwoord gevoriud wordt van een der in § 63 genoemde werkwoorden, ook wel van sommige woorden, die wij als grondwoorden onderscheiden, desgelijks het causatief werkwoord. Maar was, zooals wij gezien hebben, zoo'n grondwoord bij den tweeden transitieven vorm een substantief, een benaming van hoeveelheid of wel een zoogenaamd bijwoord, voor liet causatief werkwoord kan liet ook nog wezen een telwoord, ook wel een toeroep of derg. Zoo bv. van het onvolledig werkwoord yt-wslapen, het causatief werkwoord van het onvolledig werkwoord tjt il 11^\ verdwijnen, verloren yaan, liet causatief werkwoord tn tji 1,11 gt;1.1/]; van het eenvoudig werkwoord j'pji'.i- hanqenasm of over iets, het causatief werkwoord j'ii gt;'gt; i.n/ i,i:j; van het substantief

getu'uje, het causatief werkwoord mj/iih i.iifwr ; van het telwoord l i-, twee, het causatief werkwoord o1.1ugt; ; van den toeroep am. komaan, welaan, het causatief werkwoord 11 Miit.) im anjj; van de benaming van iioedanigheid slecht, kwaad, leelijk enz. het causatief werk

woord i inm ij iti.ii' hi]; van het zoogenaamde bijwoord i?igt;i.ngt; mys diyt hij, nahij, het causatief werkwoord nwi r.»gt;ijj/ mj/*

§ 71. De beteekenis van dit causatief werkwoord ofwel van dezen tweeden transitieven vorm is in het algemeen: ten opziyte of aan een persoon of :aak bewerken, hetgeen heteekend of aangegeven wordt door hel woord, waarvan de vanning geschiedde. Zoo beteekent het in de vorige § genoemde causatief werkwoord mn^i 'gt; iy ten opzigte of aan iemand hewerken dat hij gt;j! dat hij slaapt, d. i. iemand In slaap brengen, doen inslapen; het

causatief werkwoord 11 'j1' / ^n' 1. i j' ten opzigte van iets bewerken, dal het ij / i?i 111 j dat het verdwijnt of verloren gaat, d. i. iets doen verloren gaan of verdwijnen, uit den weg ruimen, doen ophouden te bestaan; het causatief werkwoord i^ji'i i lt; 1.1 j ten opzigte of aan iets , bv. een baadje, bewerken, dat het i'ijj i'i\ dat het hangt, d. i. iets, bv. een baadje, aan of over iets, bv. een stoel, hangen; het causatief werkwoord Mjt.nJS 1,111 ten opzigte van iemand bewerken, dat hij getuige is oi wordt, d. i. iemand tot

getuige nemen-, het causatief werkwoord i~i m /17 -n i;ii t jnjj \ ten opzigte van iemand bewerken, dat hij -mgt;rj h slecht, kwaad, leelijk wordt in de oogen van anderen, d. i. iemand zwart maken, belasteren; het causatief werkwoord i.t iclt i.ii gt; 1J1 gt; hiq ten opzigte van iets bewerken, dat het 1:]gt; u n 1 t u/j\ digt bij of nabij is of komt, d. i. iets nader doen komen, doen nabij komen; liet causatief werkwoord iin^n i.uinnj\ ten opzigte van iets bewerken, dat het ay 1:1 \ twee, is of wordt, d. i. iets in tweeën deeleti; het causatief werkwoord 11 mim-i i,ngt; ten opzigte van iemand of een dier, het woord amhaji\ welaan! komaan! bezigen, d. i. iemand of een dier aansporen, aanmoedigen, aanzetten.

§ 72. Bij een oppervlakkige beschouwing van sommige uitdrukkingen

32

-ocr page 45-

II KT WI-'.HKWOOItl).

/.ou hel kmun'ii sclnjncii, dat ]iot spraakifchruik, ten opzigtii van liet bezigen der heide traiisilieve vormen, noif al steiu- ruim is, m. a. w. dat men wel eens, waar men hfl causatief 'werkwoord zou belionren tlt;r gebruiken, hel transitief werkwoord Wigt. Zoo bcteekent het, van liet eenvoudig werkwoord ii i / jry nu i) ijesloteu zijn, gevormde causatief'werkwoord

ten op/.igte ol'aan ietlt; liet iitptitMfl het gesloten zijn, bcwurkon, en dus iets, zooals een deur, sluiten , evenwel zegt men voor de deur sluiten, i. pi. v. : hi-uiiM' hi - zeer dikwijls en zelfs gewoonlijk, met het transitief

werkwoord : i gt; i.h i n 7. / 1 vmw liet transitief werkwoord i1 hi* 1 ire-

(,!''■ (,l 0

vormd van het grondwoord deur (maar slechts gebruikelijk voor

hel (leurtje ran ecu kippenhok, in een omrastering of derg.), befeekent (§ GO) ceu behandeling of /tcroerJcing vrru een. ohjcct, met dat, hetgeen door het grondwoord wordt aangeduid; zou dus beteekenen een he-

haudeling of hewerking van het ohjcct r/in? deur, met ceu deur, hetgeen natuurlijk niet kan. 'lOch is de uitdrukking goed , en kan er geen sprake zijn, van door elkaar gebruiken der twee transitieve vormen. \n !i/).!/i nm t»nt is iiaiiudijk de deur, genomen voor de deuropening, m. a. w. daarin staat het woord 11,1^1/ voor het woord n 1 mw ,Men behoort do uitdrukking dus op te vatten, als luidde ze a 11 nw w tji \ waarmee beteekend wordt een hehnndeling of hewerking ran het ohjcct deuropening, met de ivtiiai

.1 gt; f^\ de deur, d. i* gelijk ; t* i.igt; t_:u»t.t i.igt; dc de/tr sluiten.

§ ?:!. Ken enkele maal kan men naar goedvinden, den eersten, of welden tweeden transitieven vorm bezigen, maar ook slechts, omdat er in dat speciaal geval, hetzij men het transitief, hetzij uien het causatief werkwoord bezigt, hetzelfde wordt, gezegd. Zoo beteekenthet, van het grondwoord ,1.7) an \ prijs, waarde, gevormde transitief werkwoord een heha ndding van een ohjcct, met het geen heteekend wordt door vn gt;11 \ dus voor ii'ts ceu verkoopprijs hcpalen, hepalen wut iets moet kosten. .Maar datzelfde wordt ook beteekend door het causatief werkwoord t:txn.gt;n'hntMf\ immers dit bcteekent: ten opzigte of aan iets hewerkeu, hetgeen door Sum wordt uitgedrukt, d. i. ten opzigte ran iets zoo werkzaain zijn, dat het een prijs krijgt of wel: voor iets een verkoopprijs hepalen, hcpalen wat iets moet kosten.

.Slechts voor: de waarde hcpalen (i. d. z. van scf/ntien , taxeeren) van iets, dat weg raakte of vergoed moet worden, verkiezen sommigen den tweeden transitieven vorm. (*)

1

Voor inn iji 11gt; i nm/t zoomeilc voor liet, in iln liior aclitcr gevoegde Zamensprnkcn (hi. 4a, ■ !■ r. v. o.), voorkf;nicii(lc ' 11 n 11 j j; rus i^iy /.ie men Woordenboek en Supplement.

-ocr page 46-

34 IIF.T WF.It K WOOUI). § 7 K

^ 7 k Ook het eenvoudig werkwoord en causatief werkwoord worden wel eens met dezellde beteekenis gebruikt. Als voorbeeld kies ik het eiiusatiei'werkwoord il m iJitM/js omdat ik daardoor gelegenheid krijg, een onnauwkeurigheid in liet woordenboek te verbeteren. Daar wordt namelijk alsde beteekenis opgegeven: hez'uj zijn 'met iets fc planten of te poten , en wel op grond van twee plaatsen in de i^p. d. J. t. w. bl. Sfi, 4 r. v. o. en bl. 87, 3 r. Deze twee plaatsen werden mij uitdrukkelijk zoo verklaard. Maar het is mij gebleken, dat de gegeven definitie niet geheel juist is. de

tweede transitieve vorm, wordt namelijk, nevens het eenvoudig werkwoord :irrLi h)i j' gebezigd voor iets planten ot polen, zonder dat de Soendanees tussclien de twee vormen versehil maakt. In antwoord op een vraag, zooals bv. deze: i-i y. 117 11 ui ,iS ni in waar komt f/e van daan? kan men, en e\eu

sroed. antwoorden: «Ji i.?» i n gt; m,i » j-j j.j i-i n als ifn i. n mi gt; m i J-iw

n ^ ' quot;t, (i t- ' '

tniLii.ii ljw Tn beide gevallen beteekent het antwoord: mi/ de Véhon, van Cj i.1 f-

het pisany planten. Ook op bovenaangehaalde plaatsen mag men desver-kiezende den vorm van het eenvoudig werkwoord gebruiken.

§ 75. Uitdrukkingen zooals bv. nn rj r i«■ ,/i-ni gt; tni irn w.iiy nn^/j- en derg. zijn geen vormen van causatieve werkwoorden. \\ ij ziillen ze in het hoold-stuk «Voorzetsels en Voegwoordenquot; bespreken.

§ 7(i. Thans gaan wij over tot het insgelijks § 33 R. e. genoemde werkwoord, dat gevormd is met behulp van het voorvoegsel u'i en het aanhechtsel hii/Hiiw Zooals daar reeds werd opgemerkt, kan het gevormd worden van een onvolledig, van een eenvoudig, van een transitiei, en ook van een causatief werkwoord. Tn het laatste geval wordt slechts a'i voorgevoegd.

Hij een eenvoudig, transitief of wel causatief werkwoord, willen goede

schrijvers den neusklank tn\ als die is roorffecoeyd, vervangen hebben door

het voorvoegsel, en keuren zij het dus af, dat men, zooals wel eens wordt

gedaan, bv. i. pl. v. f'i i:jgt; LitJnnj (van i.i iji u ; ?/1^]) zeS' schrijft u'i . i

l .l rj gt; ! ; j ï' gt;, ) J w

Verder merken wij hier nog op, dat van een zoogenaamd onvolledig werkwoord slechts zeer zeldzaam een werkwoord met n'i en iinr^ wordt gevormd. Trouwens, verreweg de meeste onvolledige werkwoorden hebben beteekenis-sen, die ze daartoe doen ongeschikt zijn.

§ 77. Wat nu betreft de eigenaardige zin ot beteekenis van een, met het voorvoegsel 11 en het aanhechtsel '■'gt; gt; in;} gevormd werkwoord, die is deze, dat er mee wordt uitgedrukt,dat, hetgeen beteekend wordt door het werkwoord, waarvan de vorming plaats had, gesc hiedt b ij w ij ze v a n hulp-ol d i e n s tbe-t oon of wel van voorziening; in een enkel geval ook , ged a a n w o rd t te r prejudiee van iemand, altijd een bepaald persoon Zoo van het eenvoudig

-ocr page 47-

IIET WEUKWOOHI).

werkwoord quot;quot; l'2J] i meinriup n. iets inn/'cii, countrueeren,

iiuw,j\ s. li. leu M/oere ran ieniiind iels male en ol' hilc-n utn-

ï't'U, l)v. Sp. (I. .1. 1)1. 1 -12 , S r. v. o. in f i:} iJi Ci}] j i u t hu^i.; tT/ zouder

vertoef werd er een smidse voor hem gemaakt; id. 1)1. 128, 2 r. v. b. n ni

ti n/T o. 0101

gt;■)■gt; l'fgt; gt; tr»HttKn\(Cii 11.11,1 111:1 it^iigjj tutirj' £ngt; uti in it^nn i.ii-.VOOr

dat het wetr aan leharan toe is, word! er niet andermaal een hadjoe tahca voor je (jemaaht; van liet eenvoudig werkwoord Pun, s. n.

koopen, iets koopen, iamp;tii.n iri hiuwjjs s. tian B. voor of ten he

lt oeneva» iemand iets koupen, bv. Zamensj). bl. 7, 4 r. v.o. j.vi uigt; m i.n 1 ^ »1,1.1.7111, «Sj'i j IftPi f.Hgt;Mi.n*ii hjto nu is let mijn begeerte, dat door n ten mijne hehoeve de kletren worden gekocht.

§ 78. Gemeenlijk wordt de zin zoo gewend of ingerigt, dat, gelijk in de zoo even bijgebragte voorbeelden, de Passieve vorm van het werkwoord wordt gebruikt. Ken plaats, waar de Actieve vorm is gebezigd, levert ons de zoo even aangehaalde //Zamenspraakquot; op IJ. 2, 10 r. v. b. j^ quot;im.,,

'ni.i.'i i }. n gt;1 n ■'!' j.i~ii\ .1,11 ? 1) 111 Ct ? \ 1.111.111 1 i.'i ,111 iLi i. a gt; jn j-n'iltuii 1™

^ I' CJ /

Hiijibii 1.11 iriii\ wal aangaat enz. 1,roeder koopt :e slechts hij wijze van hnlv-hetoon, d. i. I,roeder koopt die slechts voor mij, het geld geef ik. Zie hier nog een voorbeeld: im .rijf» t:y gt; «o 1111 y .gt; hoeveel krijg je voor hel maken / Antw. 1 nijtilvyij Vi 1»«jc-n ik word er niet voor

hetaatd, ik maak het, hv. het huisje, maar hij wijze van hidphetoon. Ci 1111

O / • ''

/ (van naaijen, iets naaijen), beteekent ats kleermaker cti

naaister werken voor iemand of wel voor de menschen; ook: quot;hij wijze van

hnlphetoon het maken of naaijen.

§ l'.K De gevallen, waar de zin is: ter prejudice van iemand doen, hetgeen

door het Kerkwoord wordt heteekend, zijn weinig talrijk. Een er van, is het

van s- ' i ' i ii^ 1 ii. een vrouw er hij nemen, gevormde ^'u.^jCi j. 1!m.,^

s. Ci ui 1,11; 1.11 ,in,j- i). aan zijn vrouw een maroe of maroe's geven, of hij

zijn vrouw een tweede, derde of vierde vrome nemen. Het er bij nemen van

een vrouw is natuurlijk ter prejudice van de eerste. Het Passief van Ci i.iy

iCy.ii/Mjj is i?i .Cnen zulks de eerste vrouw tegenover often opzigte

van (i.d) de volgende vrouw of vrouwen. De tweede, derde of vierde vrouw

■i?i 1 1 ji^ door den man.

Een ander voorbeeld is het, van het onvolledig werkwoord over-

s/iel hedr/jven, gevormde i'i w i.T^iii? waarvan di^ grannnatische zin is:

doen, heigeen met t? gt;.)gt; wordt gezegd, ter prejudice van den /de) echtgenoot

d. i. zich schuldig maken aan overspel tegenover den (de) echtgenoot. lgt;c

laatste Cl If, gt; 1.11, MJ» Hv. 1.11.1.7 111 1.11) fi I): 1 / 7,i'i IS i.t • i.hgt; i.ir 1.11.11 0 i r ~ l (.1 h

ifi /.«. 1,11 tj h) j \ ali/Jd doov hoeft mijn vrome zwlt teyénover ut ij nan overspel

•schuldHl fienmnkl. /I » .• M ? m; 10 t ).): 11 m H I.? J . i s I. ) J 1/ I.'n ?7 » J gt; / 11 gt;

quot; l ' ( '

35

-ocr page 48-

36 het werkwooui). § SO.

dt' vj'O/iif' i'oii N. N. leidt fcn fth-cht trrrHSycdrny, ze hinnl't cic// sclmhliy aan overspel (tciccnovor haar man). Lit «lm* voorbecldon Mijkt «luulclijk, dat, hocucl i:llt;ni? t.iigt;o.ii soms, zooals o. a. in hot tweede voorhoold, vertaald kan worden niet de heteekenis van d. i. overspel bedrijven, degrani-

matische zin toch geenzins dezelfde is.

§ 80. Eindelijk merken wij hier nou; op, dat de vorm der Gebiedende wijs van zoo'n werkwoord met het voorvoegsel .?j en het aanhechtsel M,, zooals trouwens de eigenaardige zin van de werkwoordsoort als van zelf meebrengt, niet is de uitdrukking, op bevelenden toon iemand gezegd of toegeroepen, van hetgeen men wil dat hij zal doen, maar integendeel de uitdrukking van een verzoek om zeker hulp ol dienstbetoon , gerigt tot zoo iemand, tegen uien men geen bepaalde Kasavormen behoelt Ie gebruiken. Zoo beteekent bv.: gt; ; il }.irj ;--I ' n i'i r i ' 11] I.li' h' i n i:i 'j niet : Srijjiu, (j(t Inbak voor wij koop en In de icaroencp, maar: Sapin hewijft unj den dienst-, om tahak voor mij te yaan koopeu in de waroemj.

(J. Werkwoorden, die gevormd zijn met heUulp vein den klonk oem.

§ 81. Het aantal der, met behulp van den klank oem, gevormde werkwoorden is niet groot. Om te beginnen merken wij op, dat die klank eigenlijk is de lipneusklank m, tot verzachting dikwijls oem uitgesproken, en dat het werkwoord gevormd wordt, door gezegden klank in te voegen achter den beginletter van het grondwoord. Zoo bv. van het ong. quot;;'quot;2 / het werkwoord j: gt; u11:tii roepen, zich roepende laten hooren, van een stem gezegd ; van n,1,1 gevoel, smnnk, meeniug, gevoelen, het werkwoord i n,j heseffen, zich hewnst zijn, gevoelen, nieenen enz.; van i:i / rii/ iKj digt/jij, het werkwoord ry 11gt; i !i gt; Ki i verschijnen , zijn opwachting i/ann o! komen maken bij een meerdere. quot;)

§ 82. Is de eerste letter van het grondwoord een klinker, dan worden

quot;) ryM/ji ims. ;,y n. zich verstouten tegenover iemaiKt; de vrijpostig

heid hebben iets te doen; z;il gevonnJ zija van hiivito\ s. ''quot; '' I:' '■ ']* 1{- iemands durven ie yaan lot; iemands er voor over hebben, en dit van ut i e s. ' 'inin-jy b. moed hebben, den moed of de driestheid hebben, durven iets te doen. Het i-ij t i i j 'j dat nevens ilt;ij 11 ui initi j als is. voor i y .* i n i'l wordt gebruikt (bv. Soend. Brieven, uitgegeven door Hoii.e , brief nquot;. 32, de eerste regel) is een .Tavanismc , in het

Javaanseh is namelijk iv^-nim/js kr. van ui uj \ en i.y u of nnjf \ kr.

a

voor i.ii r 1111.1 w

-ocr page 49-

IIF.T AVERKWOOKT).

do liprutusklimk /,/ en die vocaal, in «ie uitspraak, tot een syllabe. Zoo I) v. ! i j van van rn ?\ enz.

Wordt de lipneiisklank uitgesproken met den lipklinker uc, zooals bv. geschiedt, bij vorming van een werkwoord van liet woord i,/i (/roolcadcr, dan is, om bij dit voorbeeld te blijven, het werkwoord: ijiii.h hetgeen beteekent: grootvader zeg/jen tol iemand en heru. als zoodanig hehandeleu. Zoo ook i) i.i *'ƒ' ziek het air geven van een aanzienlijk persoon le wezen, verwaand zijn, van groot, aanzienlijk.

§ S3. Is de eerste letter van het grondwoord een zooals bij het zoo even genoemde j^i groot, aanzienlij/,', dan verandert deze ook wel eens in een i.hw In dat geval heeft het werkwoord bepaaldelijk de be-teekenis van: zie// aanstellen, als hetgeen met het grondwoord wordt tjeteekend. Zoo beteekent ;,y •• i i'y bepaaldelijk : zich aanstellen nis een aanzien/ijke, terwijl i iij zooals wij zagen, nevens deze beteeken is ook nog een andere, zij het dan ook een daarmee verband houdende, beteekenis heelt. quot;)

§ S 1'. Zlch aanstellen, als hetgeen door het grondwoord wordt uitgedrukt, is dus eene der beteekenissen, welke de werkwoordsoort, die we thans bespreken, kan hebben. Een andere is gelijken up, er uitzien, als hetgeen met het grondwoord wordt genoemd. Zoo bv. rnj : 11 /; i.-i j gelijken op, eruitzien als een hihid, van de vleugels van een vogel, als de slagpennen zijn aan het uitkomen, maar nog niet lang genoeg zijn, om den vogel instaat te stellen tot vliegen, van i'ji i een aan een steel gehecht matje, om. het

tuur mee aan te waaijeu. Zoo ook gelijken op of wc/ er uitzien als lè/iu,

van het vleesch van een klappervrucht, als deze doewegan is (d. i. zich bevindt in het tijdperk van groei, dat de melk een aangename en verfrisschende drank is), van t/.h., i nr. snot.

Maar deze twee beteekenissen zijn speciale, in het algemeen beteekenen de, door invoeging van den klank oeiji gevormde, werkwoorden, en die men daarom ook quot;Toestandswoorden' zou kunnen noemen, een toestand of wel een zeker zijn of zeker doen. Bv. het, van dienaar,

gevormde .1.1^: irjn r. beteekent o. a. van een land: onderworpen zijn aan een ander ofwel aaneen vorst of volk, waardoor het wordt overheerd; het, van i j i.ij rij ong. gevormde nj t.ibeteekent: pqpeleu van het hart;

quot;) Gerust scliijut lucu tc mogen aannenicu. Jut ;.m ,■ » i,7i oji dezelfde wijze is gevormd, als ' ij ii it J . van s~i gt;gt; i dwz. met verandering van de . ■/ en een 'n\ en dus van . V / n . ijrootvadi r. Het moet dus eigenlij!: beteekenen zic/i aanstt lleu atx een yrooivadcr en van daar de huidige beteekenis verwaand, waanwijs gekregen hebben, liet Javaanselie ;. y : i /. 'i \ van in i ii een oud man, heeft beide beteekenissen, namelijk: zie/i nis ten oud man aanstellen en vaanwijs.

37

-ocr page 50-

HET \\ ERKUOORI),

liet, van i.» gt;:yj.'i\ong. gevonudei.yi beteokcnt: teanileleii, uuiwamMeu, aan konten ininilclvn, terwijl liet, van .1 u l.i.i'myenonu-n zijn met iemand oi' iets, Iji-ha-(jeu scJiejipi-n in iets, gevormde 11 ItJiiy ■ gebruikt wordt, èn in denzin van xii Ïli/h in welk geval het dus een toestand of een zeker zijn uitdrukt, on in den zin van zic/i //onden ah of mm ieluKjen schept in iets, inycmuieu is mtl iemand of iets, hetgeen de aan liet begin dezer § geformuleerde beteekenis is.

§ 85. Lettende op de beteekenis van een werkwoord, zooals het in I 5Ü , e genoemde, van 11 m nj gevormde,,?.),1:1 ii 1. zou men kunnen vragen: is dit laatste wel inderdaad gevormd door den beginmedeklinker van het grondwoord uit te spreken, met den neusklank n (§ 43), m. a. w. is het wel niet gevormd, gelijk de woorden, die we thans bespreken, namelijk door genoemden neusklank in te voegen achter den beginmedeklinker. Is do ware vorm van matjalang, om ons tot dit voorbeeld te bepalen, niet eerder pmatjalang dan mpatjalang? (iesteld al, dat het antwoord op deze vraag toestemmend zou behooren to luiden, dan zou zulks toch niet kunnen zijn, naar aanleiding van den zin of do beteekenis van matjalang. Immers oen werkwoord , gevormd door voorvoeging van den neusklank, drukt ook wel eens een toestand of wel een zeker zijn of doen uit. Een voorbeeld hebben we al dadelijk in hot insgelijks § 50 e. genoemde ^ \ ronijijeiKj zijn,

dat door voorvoegimj van den neusklank o gevormd is van m; ^ x dansmeid.

§ 80. Onder de, door invoeging van den klank oem gevormde, werkwoorden of, wil men. Toestandswoorden, treilen wij een paar aan, die hier nog vermeld moeten worden. Het eerste is j:/ 'M' 1; 1 ] v;l11 11 i.j\ beide: de tranen

iti de oogen hebben. In plaats van .■ t /m : 1; gt; j en j ) 'i't ■ ' 1 i j /.egt men eekter ook en wel zeker beter: ; j! 1 tu: / en 1 gt; n\ : gt; w Opmerking verdient, dat men ook een werkwoord m nV; 1 heeft, dat hetzelfde beieekent als .■ t n t: 1 .■ re o!

lt;.T gt;— ll (Cl

Plaatsen: (iesch. v. Abd. en Abd. bl. 179, llr.; Kitab Dongeugn. a. bl. 53, G r. v. o. (ieseh. v. Soepëna bl. 37 , !■ r.v. o. Desgelijks betoekenen .imLit i iitn i/j en .iy iltti h/.7.1/1 beide van het eerste door voorvoeging van

den neusklank 11. het tweede door invoeging, achter den beginmedeklinker, van den klank oem, - hetzelfde, te weten: verschyneu voor een meerdere, zijn op-waehling gaan of komen maken bij oen meerdere, liet oenig verschil, dat tussehen beide woorden wordt gemaakt, is, dat M.j aks wat mooijer

of deftiger wordt beschouwd. Zoo bv. Sp. d. J. bl. 153, 3 r. •■ii.-j'iy

'y ,w 1» i} 1.1 gt; i n 111 iji./j ! 1 j er /caren twee dorpelingen, die voor den reg ter verschenen; Geseli. van Abd. bl. 7 , 3 r. v. o. quot; /f ^'' iquot;1 a3atjgt;,n•%quot;».«.«»1«' ft».r 1 w eerbiedige benvtwoording van Uw vraag moge dienen, de reden, mij te zanten voor V verschijnen enz. Trouwens dat de lipneusklank wordt ingevoegd, blootelij k om het woord holfel ijk te maken,

38

-ocr page 51-

HET WEKKWOOUU.

is goenüins zclil/.;ui;ii. Zoo vindt men bv. in het opschrift van een briel' aaneen minderen olquot; jongeren i. pl. v. uii» aan, wel 10 ia tin» Kn ' j'' •• (o. a. Kitab dongeng n. a. bl. 15, 1Ü r. Geseh. v. Ahd. en Abd. hl. 7, 1. r. id. 10!), S r. v. o.) van cmi zva. j.m.-c- va/i zin* oï voornemens zijn iets te doen, is zelfs bepaaldelijk oen Uasawoord.

Vermeld mag ook nog worden 'nj m /m i j j dat rceerliclden beteekenl, en gevormd is van lt;m m ; i i ƒ hUnken yiunnwn. Regelmatig zou het moeten zijn gt;/gt; iltLi.Lijquot; Voorliet vermoeden, dat staat voor ,n-nn»lt;uji

en het niets anders is dan een meervoudsvorm van nrmiivip schijnt geen voldoenden grond te bestaan.

Ten slotte noemen wij ook nog vw rn i.n ■ ijelrouwd zijn, een /iidsyezin hebhtn. Xaar den vorm, kan lu^t afgeleid worden van /. terhaal, ge-

schiedenis, maar deze afleiding is, niet liet oog op de niteenloopende be-teekenissen van de twee woorden, zeer onzeker.

I). Werkiooorden, (jevornid met hcludj) can hel voorvoegsel ha rang.

\

V

§ 87. Dit zijn werkwoorden, zooals bv. i id ni in/coopen doen; i n h 11 ij gt;1 arbeid rerriglen; t.n ii t u /.n )■gt;j voedsel tot zie// nemen, eten; enz. Ze zijn gevormd van grondwoorden, en liet voorvoegsel is wel niets anders dan het, ook in 't .Tavaanseh en Maleisch bekende, woordje liarang, goed, ding, iets. Geeft het in genoemde talen, in sommige gevallen, aan het volgende woord een algemeenen of onbepaalden zin, zoodat inliet .lavaansch bv. i m') kquot;h wie of ie at ook, al irie, al wat, en in het Maleisch liarang siapa, wie ook, barang apa icat ook bcteekent, bepaaldelijk doet het zulks in het Soendasch, a'.s voorvoegsel tot vorming van een werkwoord. I'.en kenmerkenih^ eigenschap van er mee gevormde, werkwoorden is hun algemeene of geheel onbepaalde zin. Een paar voorbeelden zullen voldoende zijn om

zulks aan te toonen. 15v. (iesch. v. Abd. en Abd. bl. 107,3r. u igt; ii : i m i.u ii 11 i

y ■gt; o ^ ^

ni i ): ij. i t.£.ki \ i.i 111 ij m i,hi r \ 11 gt; i 'ii n i j i d t in j\ ut gt; y i quot; gt; »n / i »iy\

Zoo// (nul waarheen je wilt, Uemar Sanoesi, Je zult wel krepeer en, Je zult niet creten, Je heht geen geld meer. Hierin beteekent inn lt; j i r. gt; i.nj dat een kasar katjida (§4i') woord is voorin nim.ni.ij t'/cw. en dat wij, om liet platte en ruwe terug te geven, met quot;creten' vertalen, klaarblijkelijk c/f», voedsel tot zich nemen, in algemeenen of geheel onbepaalden zin, in denzelt-den zin, dien eten heeft, als wij bv. zeggen: quot;die niet werkt, zal niet eten '. Ken ander zeer duidelijk voorbeeld hebben wij in xm ni-.u/un bv. Sp, d. .1. bl. 1 1 1 , 7 r. v. o. \\ ij lezen daar; ili t'i m gt; gt; iinn i /n m 'quot;j l i]' 7111.fi t 11 I het trof juist, dat de priester van het dorp daar teas, inkoopen doende oj) d \,/arkt. ru n, it/nr betceiciit koopen in onbepaalden zin, letterlijk dnige

-ocr page 52-

HEï TNVOEGSEL IN.

als je (dingon of ile ilingen) zei ot phialsl, J/eU, er af en toe plcizier in den boedel duur elkaar te zetten, in plaats van soort bij soort.

§ SS. Ook de inlander voelt nog wel, daar, waar liet zoo in zamenstelling of als voorvoegsel optreedt, de hierboven genoemde, eigenlijke beteekenis: goed, din(j, iets, van het woordje barang. Sterker nog, dan uit liet zooeven bijgebragte voorbeeld, waar wij om verstaanbaar te zijn, inliet 1 lollandscli «dingenquot; of //de dingenquot; moesten invoegen, blijkt zulks uit deze plaats van de Gesch. van Abd. en Abd. (bl. 23, 4 r. v. o.: .moquot;)iJ,

i.-i ii ' ƒ ■ i-i li ij mi ili in iii.i■ rlj i,j , -Tlin ii / j i,igt; i n ?.) ƒ \ a) enz. (1. i. IseSchonkeïl werd 'tl, met eten en mouije klei-ren, zooals een tulband, en';. Klaarblijkelijk is i n ii.ih™ hier voor den spreker een substantief, en wel een substantief, zamengesteld uit urn-ii als hoofdwoord met ,th.iji als bepaling, zoodat men eigenlijk behoort te vertalen met: dingen om te eten.

§ SÜ. Door een zeer gebruikelijke letterverwisseling wordt het voorvoegsel rnii ook wel eens li-li 11 Zoo zegt men bv. i. pi. v, I'll 'gt;gt; ! !J \ zoeken, trachten magtig te worden, bv. de verschillende dingen die men noodig heelt; er op nil gaan of zijn om mat te verdienen, ook wel tm i) iikiiuiw

§ (J0. Vermeld moet ook nog worden, dat bij het geven van den meervoudsvorm aan zoo'n, met behulp van het voorvoegsel ra-n geconstrueerd werkwoord, slechts dat voorvoegsel dien vorm krijgt. Van m ttnii'is bv. is de mvdsv. t ri li il / ^ IJl en niet i;n gt;) li I_n i^ i':i ot i li I) l u 'iI t':i w Zoo bv. (resell, van Soepena, bl. 3, l'J r. v. o. n.i i?i n gt;i ' ^ ' '1 '' ' ''ƒ j* vercolgtns aten ze daar. Dat, zooals gezegd is, slechts hot voorvoegsel den vorm van het meervoud krijgt, is nog een bewijs, dat, voor het gevoel vanden inlander, het praefix eigenlijk het hoofdwoord is.

Het invoegsel IX.

§ 91. Dit invoegsel vervult in het Soendasch een zeer onbeduidende rol, en dat wij het nu ook reeds hier bespreken, vindt slechts daarin zijn aanleiding, dat het een enkele maal dient tot vorming van een woord, dat, voor den Soendanees, de beteekenis heeft van een werkwoord. Het is hetzelfde invoegsel, de neusklank ti, met de i tot verzachting er voor, waarmee in het Javaansch het zoogenaamd Oud 1'assief wordt gevormd

quot;) Duidelijker en ook beter zou zijn : m ii t n t i i j 11 11 i] hl I tgt; I^II i i I ij I. n 111

s . . )

40

'3/ } 1 n 1' ' 11m Jo js cn'A. vJI .• i n 11 rn /■ i n rj f 11 i i ij t, n 111 m j 11 n^

1 quot;)

■I.I J M Ut a I ' I W7 J\

J III II ? til

Ijl • t'HZ.

-ocr page 53-

§ 92. DE PASSIEVE VORMEN. tl

(Juv. Gr. 2e Uitg. § 125 en volgg.). Do klank wordt ingevoegd achter den beginmedeklinker van liet woord.

§ 92. In het Soendaseh worden de op zoo even gezegde wijze gevormde woorden beschouwd als ]5asa of liever als m oo ij e woorden. I hït in voegsel is veelal niets dan een middel, om het woord wat sierlijker te maken. Zoo bv. van ibiiuirp t/eiois, zonder twijfel, o. a. Geseh. v. Soepënabl.-t, 19 r. v. o. iji gt;ö i y en hl. 31, 16 r, iji jiï i n ? ii J van het liasawoord in t-.n t '1~1j ^ Lit de eerste plaats, waar een patih tot zijn vorstin spreekt, blijkt, dat het invoegsel voldoende is, om het woord tot een Bas a of mooi woord te stempelen. Wil men het heel mooi maken, dan wordt, waar zulks doenlijk is, zooals bv. op aangehaalde bladz. 31, 16 r., eerst nog de uitgang van het woord veranderd.

Een ander voorbeeld van verfraaing van het woord, door middel van het, invoegsel, hebben wij in nhij^y van eigenlijk een werkwoord,

maar in de hedendaagsche taal gebruikelijk voor schoonzoon^ ook voor schoon-dochter. isunji acht men mooijer dan en gebruikt het mitsdien

gaarne, hotfelijk sprekende. Pat zulks echter giu'ii regel is, blijkt uit üesch. v, Soepèna bl. 53. 11 r. tenzij de spreker daar fi en niet bezigt, omdat hij, hoogelijks vertoornd zijnde op Soepena, van dezen sprekende, geen mooi of hoog woord wil gebruiken.

Als derde voorbeeld kan genoemd worden ilm i'injn/t\ van met

dat, te zanieu, enz. Speciaal in brieven, wordt ifl j.i ,Ci ii ia / dikwijls gebezigd, in plaats van ki /1 i'i mmi bij welk laatste de Reduplicatie (waarover later) geen beteekenis heeft, — voor: tc zamen , gezai.ienlijk.

§ 93. Zooals boven werd vermeld, dient het invoegsel een enkele maal tot vorming van een werkwoord, of, beter gezegd, tot vorming van een woord, dat voor den Soendanees de beteekenis heeft van een werkwoord, en mitsdien ook als zoodanig door hem wordt verklaard. Bv. Geseh. v. Soepena bl. 33. r. 15 : j in r m in {i i n /; 11 n r, ni hi j moge ilgt;' heil onlïiioi'ttu , il. i. 'nitj hi'il icedervaren , op wey. Hierin staat, als zijnde hoffelijker of mooijer woord , m ,;,Vgt;tl; i. pl. v. /»gt;lt;]lt;■» Het Basa woord gebruikt Soepena hier,

omdat hij spreekt tot zijn vorst, van zich zelf, liever niet.

DE PASSIEVE VOllMEX.

§ 91, In het Soendaseh onderscheiden wij twee Passieve vormen. De eerste wordt geconstrueerd, met behulp van het voorvoegsel .i2 (di), de tweede niet behulp van het voorvoegsel i.n (ka).

§ 95. Zoogenaamde onvolledige werkwoorden (§ 31) zoomede die werkwoorden, welke gevormd zijn met behulp van den klank oein (§ S 1)

-ocr page 54-

K' DE PASSIEVE VOUMEN. § 90,

of wol mrt het voorvoegsel vn-h (§ igt;7), hebben geril passieve vormen, slechts zijn van de zoogenaamde eigenlijke werkwoorden, het eenvoudig werkwoord (§ 39), het transitief werkwoord (§ ü3), het causatief werkwoord 09) zoomede oen werkwoord, dat geconstrueerd is met behulp van het voorvoegsel j'i en hot aanhechtsel t.n'Hijj (§ 76), vatbaar voor deze vormverandering.

§ 96. Do wijze van vorming bij het eenvoudig, zoomede bij een transitief- of causatief werkwoord, is deze, dat de neusklank vervangen wordt door een der in § 9-i genoemde voorvoegsels. Zoo is bv. van a ij n ny ki:j\ iets Jïj /UC J'ij Cru, het Pass. tl 11' gt; I 1'. Jijuffamp;vrcvcu worden; van n n«j i.i]\ ijaan over iemnnd of iets, bv. van een rijtuig, het Passief i.un^n.ip ocerreden lourcleu; van 11i.y ! im j iemand vomiis-if/i, vet'oordtmleii, hot l'assioi t ' y ^ 11,gt;y. ijeconiiixd ol vci'uot'dceld loor-den; van gt; 1 iü t.ihinjj* iemand of iets doen verln-kkeu , af zen dun, c.rj)edici-rvu, hot Passief i9gt; rn n'l i:nnn i\ aftjèzonden of (jeexpedieerd worden.

(ling bij hot uitsproken met don neusklank, do begin m e d ok li n k o r van hot woord, waarvan het werkwoord word gevormd, verloren, dan keert deze, bij do vorming van hot 1'assief, terug. Bv. van iemand of ic^ts t/oed bekijken, iemand eens ijoed aankijken, van het grondwoord Lilin it j. inderdaad, werkelijk, van/., echt, enz. is hot Passief i ï(.i?nli m hyj\ t/oed hekeken worden, eens goed aangekeken worden.

§ 97. Van oen werkwoord met het voorvoegsel /» en het aanhechtsel i.ntnij (§ 70), zoomede van een werkwoord mot het voorvoegsol en het aanhechtsel voor don transitieven of causatieven vorm, wordt de neusletter, terwijl het praefix van hot Passief wordt voorgehocht, vervangen door oen ovoreonstemmondo medeklinker. Als voorbeelden mogen dienon.-; i t'jj i' 'V uj' i.ji t ii 11 'gt; i * t'iij en gt;,ƒƒ in iii i.iir uiqa \ an hot eerste is hot Passief i'i ilt;ri 11 u h ) / uil] van het tweede / ' '1' n I I/1)1 - en van hot derde iPi j'i m m ilt;n/hi iw

^ 98. De botoekenis van hot eerste Passief, d. i. van het Passief, gevormd met behulp van het voorvoegsel lt;ioi\ is deze, dat daarmee, in de passieve wijze van spreken, iots wordt gezegd van een persoon of zaak, die in de aetiove wijze van spreken zou zijn hot voorwerp. Zoo betookont van het actieve werkwoord L-mjiiu iemand of iets vertrouwen, liet Passief i-iiwiiiM vertrouwd worden; van het actieve werkwoord iemand

of iels aanstaren, het Passief x?! 11 x^i t'j aangestaard xoorden; van hot actieve werkwoord uilgt; i m i.ii m j: iemanil of iets tn-scl/reijen, hetrenreu , het Passief i ] i i/1 •!gt; •gt;! i.^i hiq\ heschreid of heUeurd vordenvan h(^t actieve werk-^woord ri i mi tjyM j iemand of iets opojjeren , prijsgeven, liet Passief »,?■»•» iiciijlmip opgeofferd of prijsgegeven worden; van het in de vorige § ge-

-ocr page 55-

§ 'JO. DE PASSIEVE VORMEN. 43

noemdii aclicvu werkwoord éitijjixhyp teu bvhovct eau iemand iets maken of laten maken, het Passief yemaakl worden leu

behoece tan iemand; van het daar in de tweede plaats genoemde wjji quot; i i/ i i -1.tiiy\ iets vóuv zich hebben, het Passief f ?.j i i n i ilt; 11 im j\ vuur zich (jehuudeu worden door iemand, doordien hij- het vóór zich heeft, vóór zich heeft staan, het vóór hem is geplaatst, enz.), en eindelijk van het daar ook nog genoemde actieve werkwoord .-rn nn ttny iemand op zijn zijde lejjen , het Passief ^ aUrmaYi uiu laj) op zijn zijde yeleyd worden.

§ 99. Niet altijd echter kan men zoo'n passief met het voorhechtsel rax teruggeven door ons verleden deelwoord en het hulpwoord worden. Bv. Sp. d. J. hl. lil. 5 r. v. 1). beteekent het Passief rl i-j ei n ij

• quot;) . O 1) a-) cgt; , i.

Ill : ' quot; t' 'j K/JLi vi i.i-i-i ry r/1 gt;i i j j? i .7li i i t.c.n 11j ti )j .* I i II Ht i.n jlii' ijij1quot;quot; i 'i gt;' '/-Lit

in)\ i I irj.ui gt;/ i ni gt;iji{i\ niet, hetgeen in het Hollandsch beteekend wordt niet de woorden: verkocht worden. Immers als dat zoo was, zou, tenzij de loerah den visch had gekocht zonder dien te zien, hetgeen nergens uit blijkt, het volgende: i:lt;i i'i t^i ^ :hti gt;, i gt; gt;. 11 j- gt;gt; ^ \ lt; y u ^ 11 i-j ''Jj

n j ' 11 in i li' n i 11 i iu li i .11 ij i.ii ?i it1! i nhi tri n'u i'i lyj jiii tci tl gt; toen de Kjui

Loerah den visch zag, zeide hij, dezen visch hebt (jij gestolen uit den vijver van den Kjai Dè'manff, geen verband honden met het voorafgaande. Het 1'assief ij! iq in n iq beteekent dan ook hier slechts, dat Boegèl, den visch willende verkoopen, deed hetgeen hij tot dat einde kon of moest doen, (1. w. z. dat hij dien te koop aanbood.

Zoo vraagt men ook, bv. een stoel ziende voorbijdragen, dien men wel zou willen knopen: «3i:yt;nu.j e~*,tiii.utaji/ihmlt;\ en dit beteekent dan niet: wordt die stoel verkocht? ondergaat die stoel, hetgeen beteekend wordt met verkoopen, maai': wordt die stoel te ':oop aangeboden of is die stoel te koop? Dat dit inderdaad zoo is, blijkt ook duidelijk uit het antwoord, dat natuurlijk of ontkenm nd of toestemmend zal luiden. In het eerste geval zal dal kortweg zijn: ini.u of wel .i n 1,1/10 i-j 11 n^-. neen ; of neen, hij wordt niet verkocht, d. i. neen, hij is niet te kuoji. In het tweede geval zal dat zijn: iioi.ir. i-i tnjj\ hetgeen wederom niet beteekent: hij ondergaat, hetgeen beteekend wordt met verkoopen, maar: hij wordt verkocht, als zich een kooper opdoet, d. i. hij is te koop Men voegt ook nog wel eens nu i.h j\ voor zoon vraag als 1.1 (y ' .i 111 j ■' 1 n 1. n /1.11 j.i n j \ en zegt '/'i '■ ^ 'j 'in 1.^ 111 i.iiuJ 11 .lii;\ wil je, dat die stoel verkocht wordt? hetgeen wel zeer duidelijk beteekent: is die stoel te koop?

§ IUÜ. Het zoogenaamde Tweede Passief, wordt zooals boven (§ 91) reeds werd aangestipt, gevormd met behulp van het voorvoegsel gt;.n\\ a)

quot;) Door een jiiiar woorden ten dezen misleid, zou men kunnen mecnen, dut ook

-ocr page 56-

DE PASSIEVE VORMEN.

§ 100.

44

liet verschilt in beteekenis hierin van het eerste Passiel', dat het geen Passieve gesteldheid betrekent, bewerkt of teweeggebragt door een subject, maar dat het een Passieve gesteldheid uitdrukt, waartoe iemand ol'

wel eens iu het Soendasch, zooals in het Javaausch, een zoogenaamd accidenteel Passief werd uitgedrukt met behulp van het voorvoegsel met pamépët ( quot; )j dus hti kë. Ken woord, dat tot dergelijke opvatting aanleiding zou kuunen geven, is t, n t i r) \ van het grondwoord f i Jp dat een klanknabootsing is van plojfen, ploi/ipeH in hef wafer. Tot staving dat /. u / \ een zoogenaamd accidenteel Passief

is, zou men zich dan kunnen beroepen, bv. op Sp. d. J. bl. 9 1. r., alwaar wc vinden .* ^ ici gt; i nq».»/ sji eï i7/ .b// ? f j ? r yj 'j ^ m c i\ ze slierde uif , plomjtfe

in het water, ging naar de diepfe, en hef scheelde weinig of ze was haar leven kwijf. Maar men zou dwalen, mm V .'beteekeut niets meer dan ploffen,plompen in hef wafer, of zulks geschiedt bedoeld of wel onbedoeld , dit wordt door het woord niet uitgedrukt, het kan het een zijn zoo goed als het ander. NVil men het ploffen of plompen in het water bepaaldelijk voorstellen als iets dat overkomt, m. a. w. als een accident, dan moet men zeggen .ui ^ 54). Vermits echter, zooals

gezegd werd, hnilbi^t ook de beteekenis kan hebben van mogt de

auteur schrijven zooals hij deed. Hij vermeed daardoor daardoor tevens het bezigen achter elkaar van drie woorden, die met de zelfde letter bcgi nnen.

Dat deze opvatting juist is, en /.n / i ; t Jj voor den Soendanees geen ace. Passief is van een werkwoord, maar dat hij er mee leeft als ware het een grondwoord , dit blijkt uit den vorm van het causatief werkwoord i./ / 1 rt /.u i anjl^ iemand of iets in hef wafer werpen of plompen, of, wil men, van het eenvoudig werkwoord i m ) li A'n\ Namelijk, het woord waarvan de vorming geschiedde is niet ad n dan

toch zou het causatief werkwoord moeten luiden /.y ƒ /1mm (§ 42), maar /.n

) . quot;) O

i i ! i ^j\\ Wat liet van gevormde betreft, dat men vindt

Sp. d. J. bl. 17, 0 en 5 r. v. o., dit kan veilig buiten beschouwing worden gelaten,

het is een Javanisme en geen Soendasch. De bedoelde plaats (0 r. v. o.) behoorde te

luiden : i n Wj, t.) h i i i:i r i /. n t hj ij in gt; i.n i-c !

Desgelijks moet het volgende

hj I ! I ri I ZIJ U ; III') } I rj J Mi f hl Ij t.l f

Evenzoo als met i.n i i li is het gelegen met het, er mee iu beteekenis overeenkomende en o.a. Sp. d. J. bl. 27, S r. v. o. te vinden, migt;j);i:^,\\ Wil men, door den vorm, liet niet met opzet of het niet bedoeld zijn bepaald uitdrukken, dan behoort men te schrijven 17i /.h i / i ija Maar ook hier is zulks niet noodig , i,n.i ii.i^ kan den zin hebben van Cu un i i tfy\ en dat het dien zin heeft, is, door hetgeen vooraf gaat, genoegzaam duidelijk. Het t 11 11 ij \ dat men vindt opr. 3 van bovenaangehaalde bladzijde, en dat beteeken t zich ia het water werpen, zich in hvi wntvv laf en vallen , is gevormd van mm »V/i\\

-ocr page 57-

DU I'ASSIEV K VOUM I N.

I.)

§ 101.

iets , als lu^t ware van zelf of wel door umstandiglieden, komt of geraakt. Zoo 1)\quot;. h n il/ f ill )gt; n ^ of i,ti 11 it ihii j lorwijl ï. 1.1.1 / I u.nnnfj Ix'lcf'kl'llt hi Ijez'd yciiomeii worden door iematid , bv. r- v.u 11 i 'i t r i gt;■ i j. i uj i i gt; /. y n i ) m ,1.^ ) .'; iii' ilt;I iPi i i .■ 111] !■ ii^ I.irtPi i.73ii j.tdie inhlkuher is oorspronkelijk tic mijne, viiiar tin wordt die rnaar in bezit genomen door Saniin, is do bo-tcckciiis van i.n m .' ï n ] i.uj ol I.it /i n I gt;,ii j\ iii het hezit komen of roken van iemand. Ken voorbeeld vinden wij Geseh. v. Abd. en Abd. bl. 67. 52 u iiti vu

. n i i ) .1 .O o 1 ) . T 3.

ui i ii 111' !■ ii i i I ti in i.i i if x_jgt; jo,] -tjKt 11 hi t mi f J Hji iUi on £ i ?oc— \ 'gt;); i gt;■ Ij- n

O quot;) 1 O ) . quot;gt;

; ii i ; iii : i ii 11, ii i in iij;^! 11 \ iii i :i ii O n ? i' ? ii'i . 'j.' 111*1 am 7] till '' 11- -1

nn ^iii I -1 ;\en dan in zoo'n geval te komen, zeker, ze zouden hel op een lijn sletten met hel vinden van een schat, naar onze meening is er geen kwestie ran, dat het weer in hezit zon geraakt zijn van vader, ook at had vader een actie ingesteld, zeker zouden ze de zaak in proces hehljeu gegooid, en des noods bereid zijn geweest een eed te doen.

Ken ander voorbeeld hebben wij bl. 145/147 r. 1. v. o. in ut .iij i.n n'i i.ilt mjj het geld, om handel mei te drijven, raakte terug betaald. Ten gevolge namelijk van do omstandigheid, dat liet Oemar Sanoesi uiterst voorspoedig ging, waardoor hij het geleende kon teruggeven, raakte dat geld terugbetaald. Stond er gt; i?/'injin i j ui ifn dan zou, ja, uit liet voorgaande ook wel op te maken zijn, dat het terug betaald worden een gevolg was van de zooeven genoemde omstandigheid, maar grammatisch zou er toeh niets anders meè beteekend worden dan de Passieve gesteldheid terugbetaald worden, van het object geld, bewerkt door het subject Oemar Sanoesi. quot;)

§ 101. Het verschil in zin of beteekenis tusschen het eerste en het tweede Passief, drukt de inlander niet onaardig uit, door van het eerste te zeggen dat het is met opzet, en van het tweede dat het is im

iiSajnigt;;\ niet met opzet. Zoo bv. Sp. d. J. bl. 1(18, 6 r. v. o. r.ntuimx*e.~t ».«\ zijn rader was overleden, hij was door een schot getrojjen ^d. w. z. doodgeschoten^ door een booswicht in het bosch. Hier geschiedde het met een schot treilen en van daar het door een schol getroffen worden, met opzet, daarom werd hier gebruikt lilt.ntS m/jw Maar op de volg. bladzijde 7 reg. en volgg. v. b: vindt men i.iii.ni-iiiij , U ij lezen daar:

1 n / ,i 1 quot;) 1 1 o li )

ii ii? li.) tti i n f ntHi i.i i:n nucni/j-J^* KI gt;» i? i:»i .li iet i 11:1 m »|i n m 1:1 ili^n i- / i /i »»»•'

quot;) Hl. 145 r. 1, Gcsch. v. Abd.eu Abd. leest men : c~.iigt;n f t gt; ik ei i h/j k]l- mi kichi ti- i.ii tKi) ij } i - 11 n iiofln\ De Passieve vorm i.n i'inn igt;h ttKyj moge hier verdedigd kunne» worden, noodig is die zeker niet. Leest men i. pl. daarvan den art leven vorm Hj/j in hm hi/j\ dan wordt de constrnetie heel wat minder stijl'en gewrongen.

-ocr page 58-

1)K PASSIKVE VORMEN.

§ 102.

4G

igt;7l i(l) n hll /I / l'J h)! i n i™tl I • ij ,157/ :gt; \ «tï» ■ n ('11/.. (1. i. Kt'ldl'd k'll'ÜV!lt;rH UetfOffS h(l-

meraden, die talrijk waren , kijken naar hem , die duur hel schol raakte ye-troffen; Brgoy sloeg de ami en om hem heen, terwijl enz. Hier zou achfniaoi a i.j een fout zijn, omdat het met een schot treffen en van daar hel door een schol getroffen worden, niet met opzet plaats vond. Een hert was namelijk het doel, en het was slechts tengevolge van de omstandigheid , dat de persoon die getroffen werd , zich juist daar ter plaatse in het bosch had verborgen, dat hij werd getroffen. Zie ook § 1 Ut.

§ 102. Met opzet kozen wij hier een voorbeeld, waarin het verschil in zin of beteekenis der beide Passieven zeer scherp uitkomt. Niet altijd echter is dat verschil zoo in het oog springend , ja, een enkele maal zelfs schijnt het in het geheel niet gevoeld te worden, en bezigt men het eene Passief voor het ander, als of beide hetzelfde beteekenden.

§ 103. Dikwijls ook, maar in dit geval wordt het veelal onmiddelijk voorafgaan door een ontkennend redewoordje zooals kni\ tEu txniri i n vigt;\ heeft het tweede Passief de beteekenis van ons Ge ru ndium. Zoobv.Sp. d..l. bl. *54, o r, ;) ijquot;gt;i iji'tii' !j]ii! gt; i i.i]gt; }.i jingt; gt;• u t it ii' t1 n (icseh. v. feoepena

1)1. fit, 1 r: I-. ^ !) ij : i!;] i: h n ( a t. n ./■( gt; I 11 1 i ry 1-: 'j !I ;}' gt;1 rt i in I i w In

f-

beide voorbeelden is de beteekenis van i, nimo; leverplaatsen. Ken dergelijke plaats vinden wij Sp. d: J. bl; S7, 5 r. v; b. c- mi iJDn.'gt;.;gt;) 'j n it.)m» kt tFli \ van dien gejilanten boom za! niel le eten zijn door vadertje,

d. w. z. als er vruchten aan zullen zijn, zal vadertje er niet meer wezen. De Passieve vorm nmwvn heeft hier de beteekenis van ons gerundium le eten.

§ 104. Soms is het tweede Passief, gelijk het eerste Passief (§ '.18), te vertalen met liet verleden of lijdend deelwoord en het hulpwoord zijn of worden-, dit laatste wordt dan echter slechts gebruikt voor raken. Bijv.

Gesch. v. Soepena bl. 11. G r. v. o. iri n ; i/ ■ i.gt; /1 j j'i^^ i n {,gt;

o O o n n . rgt; s .

lU'l in n 1) hl?* hl 1717 iLI '■ gt;11' 7) I , tl ï 7, n I.J ïïl Tl l 7t 3,71 / 1.7 1 1ICJ '777 7} 7tlC7Jl ^ 1 J fm 7,1 7. ) '77

'■'l t '1 lt;? quot;.ca -l-Z 1 CJ { tn

w ?r}j inf wat aangaat mijn naam, waanteê ik genoemd wordt door rnoeder

en dien mij gegeven wordl door vader, die lekend is {raakte) in ieder dorp

en hekend in ieder dessa, die naam is Ran au. Ook het i.-h h-ii ij! tij i in do

hierboven (§ 102) aangehaalde plaats uit de Sp. v. .1. kan de juistheid dei-

gemaakte opmerking staven. Slechts om de beteekenis van het tweede

Passief te beter te doen uitkomen, vertaalden wij daar i.ih'iiijÏuin met

„raakte getroffenquot; gewoonlijk zal men zeggen: werd getroffen.

§ 105. Tan een zoogenaamd Transilief werkwoord (§ 63) gevormd, is

het onderscheid in beteekenis der beide Passievcn soms weinig merkbaar.

Bv. het, van het transitief werkwoord i! ij iy i.t,^ vergunning ver Iconen , ge-

vormde Passief »3t niïi.inij (o. a. (lesch. v. Abd. en Abd. bl. 25, 3 r.).

-ocr page 59-

m; i'assir.ve voiimkx.

§ lOf..

47

jjeteckont reroorloojd worden, toegestaan worden, en zoo zal men het ins-ffolijks vun tlaStijanfl govomide Piissief mu i.nijtynn.] o. u. Gcsck. van Alnl. on Abd. 1)1. 37, Sr., 63, 2 r. v. o. 133, r. I ook wel mogen vertalen, tenzij men, om eenig onderscheid te maken, het laatste zou willen teruggeven met verlof krijqoi of' verlof he kom en.

§ 106. Ken aeeidenteel transitief Passief, aldus kan men zoo'n vorm als bv. het zooeven genoemde i-ntrnrutiygevoegelijk noemen, wordt, ook wel direct van een zoogenaamd grondwoord gevormd. In dat geval beteekent het een accidenteele gesteldheid, waartoe een persoon of zaal: komt, door da!, hetgeen het eekend wordt door het grondwoord, ook wordt er wel meê uitgedrukt: raken of geraakt in den toestand, die heteekend wordt door hrt grondwoord, /oo bv. n i n gt; n u ici ? i:jon j \ getroffen door droogte, droogte hehlen, van vnru/K-i/ droog (in tegenstelling met regen); i.ii iy' i-ij iets kwijl geraakt zijn, in den toestand geraakt zijn ran iemand of iets te hehhen vi-rloren, van verdwijnen, verloren gaan,

weg, verdwenen; i.n door den slaap overmeesterd worden of

raken, in slaap raken of vallen, van ijdvc-^i^ slapen. Zoo ook i, n .-l.) ^ van dood, gestorven. Hier is echter de beteekenis een figuur

lijke, want hn i_jr j i.n m i\ beteekent niet dood, gestorven , zooals volgens het bovenstaande moest zijn, maar hezwijmd, hcicnsteloos. Zonder twijfel heeft het gelijken op een doode, van iemand, die bewusteloos ligt, tot de beteekenis geleid.

§ 107. Met een enkel woord moeten wij ook nog melding maken van een paar woorden, die, graimnatisch, accidenteel transitieve Passieven, door het spraakgebruik hun Passieve beteekenis hebben verloren, of liever, als waren het actieven, worden gebruikt. Het eerste van die woorden is gt;. n ,i ;i iij-ti hi:j * een Has a woord voor j- ; ^ • r». lachen. Dit ' j k; ƒ is

wel te onderscheiden van .gt;y het gewone B as awoord voor jfiilw Terwijl namelijk de beide laatste eenvoudig beteekenen lachen, is de beteekeMi.v van i'ti 11/ i /ƒ ■gt; i )• ij dat slechts van een meerdere sprekende, wordt gebezigd: lachen om iets dat wordt gezegd, verteld of meegedeeld; pleizier hehhen, schik hehhen (zich uitende of openbarende door lachen) in iemand of iets. 1 let grondwoord is xmijs mededeehng aan een meerdere, en zoo wordt met i.ui )i/y timp eigenlijk heteekend : de accidenteele gesteldheid, waartoe iemand komt, door dat, hetgeen heteekend wordt door het grondwoord, d. i. door de ini ij■■ de mededeehng, In de volgende regels uit de Geseh. van Soepena vindt men de beide Hasa woorden voor a.irn\ namelijk i.n i iri'ij-nm,/ en mi j^ w zoo gebezigd, dat het eigenaardig verschil in beteekenis te voelen is. Wij lezen namelijk 1)1. 30, .i r. V. b. vy i; hl Ir? gt; ),yy i ƒ h n 7,7) i yM ; ] 7n 1,1 rn/j \ ,)) -gt;] 71 t ?' i gt; ! ï i a : i ?. )' \ Soep'-na en de prinses hadden schik in lUman (zich

-ocr page 60-

1)H l'ASSinvi; VOIIMF.N.

§ 108.

48

oponlmrentio door lachen om zijn hatocr, om 1ictgc«u hij sscidit), se lachten en het srheeti, dut- duur hen werd iiKjesletnd, met hctyfcn hij zeide.

liet tweede van de bedoelde woorden i? I.n I n* gt;i t it hij• dat een lï a s a woord is voor i1ikï\ ovtlaslimj hetiheti, kakken. De eigenlijke heteekenis van i.n i n'-n^n i.ip waarvan het grondwoord is a:ii/gt;'i gt;iij\ zwaar, kan op dergelijke wijze als bij t.n j /m y »j ) ƒ opgemaakt worden. Minder voor de hand ligt do verklaring van mm?i,fi 't ndat liet li asa woord is voor 1.7; in . pi sum, wateren, en gevormd is van het grondwoord i » .■ gt; 'i\ t'ujt. IKi gissing, dat mii ni ,'i in inp als Hasa woord voor t-h v.n ; in gebruik genomen is, eenvomlig als een tegenstelling ol' in tegenstelling met het zoo even genoemde i.u i urn rymji het Basa woord voor /J t.i\ sell ij nt niet geheel onaannemelijk.

§ 1 (IS. Met behulp van het voorvoegsel voor het tweede l'assiel werden in het Soendascli ook nog woorden gevormd, die wij als sn bst a nt. i e ve n onderseheiden. quot;) Bv. i.n i:i ^ Ziekende, kennis, van ( i ' ji' hekend zijn met iemand; ook met reduplicatie van het voorvoegsel, bv. i. n mi il; heyvn-xtigde, UexeHny, gunsteling; ook uaani, van fjeneyenheid ol liefde

koesleren voor iemand, en dit van gt;,! ;* ymist, genade, liefde; .mi i^l iw m^ rreeze, anyst, beduchtheid, van /1 m/m,]-. Ijai/y, hany zijn, treezen. i.nz.

§ 101). Nog dient dit passii^f voorvoegsel, om van telwoorden, benamingen van rangorde af te leiden. Bv. uu vijfde, van gt;uit\rij/; h n (ij i.-y ■ zevende, van i y ' zeven; derde,wiw drie. Ligenlijk

beteekimt, om ons bij het laatste voorbeeld ti^ bepalen, muiJm^ niet derde, maar tut drie geraakt, of wel gedried. Duido^lijk lilijkt dit o. a. uit de/./ |)laats (bl. 109, 9 r. v. o.) der Geseli. van Abd. en Abd. Daar zegt Sèli Ujapar: r n xii ti.i t 'i 1.7 it 11.ii i /i 111111.; ƒ;_.j i:i i j ' i'' 11. n i'i gt; i gt; .'' . '' My hetgeen,lel tei -lijk vertaald: luidt: ik hier, gedried duur mijn (i\\w?)jonyere broeders ,ivensch rulyeling te worden hij U, d. i. ik en mijn heide jongere broeders, wij wensch en volgelinyen te worden bij Tj. Hier dient mimmi^ om met écn voorwerp, twee anderen te verbinden.

§ 110. Ook een accidentcel transitief Passief (§ 10G) heeft dikwijls den zin van hetgeen wij een zelfslandiy naamwoord noemen, vooral van zoo een, dat gevormd is met behulp van het achtervoegsel heid. Zoo bv. i.ii ont i/ ii i im j boosheid, slechtheid enz. van nu ^t'i\ slecht, kn:a,ad, leelijk; in li iii m My. genoegen, tevredenheid enz. van ajian\ terreden, vergenoegd; mi i ii ij i:i m i.ip goedheid, vourtredelijkheid, braa fheid, deugd enz.

quot;} Ook wij liebben zelfstandige naamwoorilen, tlio gevornul /.iju met beliulp van een passief praelix, men tlenke sleelits aan geruisch, ijehalder, gebons en tlerg.

-ocr page 61-

OVRIt DUN MUKllVOIJIISVOKM.

§ 111.

l-'.t

van goed, braaf «üi/,.; . jgt; S,,, „ ,.,p renemnilheid i-nz. van , j,,'],

over, tc hovciHfnau, meor, cnz.

Orn' den Mt-rrrotif/xvorm.

§111. Niet sliM-lits een substantief, maar ook anilcnMviionlsdortr.i, als l)v. (icii hijvocgiilijk naamwoord, oon wcrkuoord onz, kuinicn in hcl Soomlascli ('(^n meervoudsvorm aannemen. Dal liet Iransitiel' werkwoord een liorhaald doen, een veelvuldigheid of aan ho ud e nd heid , als men wil, een meervoud kan uitdrukken, dit zagen wij reeds boven (§ (iO), deze eigenaardige zin, dien het transitief werkwoord soms heeft, hehoort echter niet verward Ie worden m(^t de eigenlnke me(^rvoudlt;voi'inen , waarover nu zal gesproken worden.

§ 112. Vooraf zij nog opgemerkt, dat de meervoudsvorm in liet Soen-daseh zeer veelvuldig wordt gebezigd , ook wel eens, waar zulks onnoodig is. Waar dit laatste het geval is, is de meervoudsvorm te beschouwen als een uitvloeisel van de in het Soendaseh sterk heersehende zucht, om de woorden te verlengen.

§ 113. Het meervoud wordt, op verschillende wijze gevormd. In de eerste plaats, door invoeging van den klank ar of al, achter den begin-medek linker van het woord. Zoo is bv. van ,.i,p zitten, de mvdsv. ici-üivyunjj; van Mt'tp nlaajt, de mvdsv. mtny; van iy ,■, v/ei/xrl/, de mvdsv. k nij:, of i j ,n ; van vu m gt;, lekker, de mvdsv.

van ij/ r i _'} gaan, loopeu, de mvdsv. .,i, ,y?.-, .i; van ^

veel, de mvdsv. gt;1^ nm; van hei rallen van tien avond, de mvdsv.

O 1.1

rn-ryn.ton/jw liiMZ.

§ 114. Vermelding verdient, dat bij sommige woorden, ook al weer tengevolge van de zucht om de woorden te verlengen, de invoegiim' van den klank tot vorming van het meervoud, wel eens tweemaal plaats heeft. Zoo heelt men bv. nevens het zooeven genoemde m als de umls\.

van zitten, ook a.m, naA.ji.n^ dat op dergelijke wijze van

'Knjl is gevormd als dit laatste van rjn.ï}. nj\ Desgelijks werd, van liet ook reeds genoemde wn de mvdsv. van *ni/s s/.nan, wederom „o-.,-,',,gevormd. Onderscheid tusschen beide ineervoudsvonnen wordt niet gemaakt men kan gebruiken nj) of wel m ,,,ip zoo ook oo»quot;m y ofwel

(Hi -n i ) ash w

§ 115. Begint het woord met een klinker, dan wordt do klank voor het woord gevoegd. Zoo is bv. van ^ ',f spelen, ^„'7,.,^ de mvdsv. \an 1.11 \ zijn, is die a^trtxn; van i)y\ intomen, ingaan, is die

ó^t

l.

-ocr page 62-

OVEU DEN MEEHVOÜDSVOKM.

§ 116.

50

^ l Uk Vr:ia^t uien, WMiinrcr wordt de ineorvoudsvorni i^clx'/.ii^d . djin kan het antwoord luiden: daar, waar spraken is van moor dan oon persoon olquot; zaak, van oon voollioid, ook van oon voolvuldi^licid. Maar dat-is zror in hot ali^cmoon i»quot;osprokon, on or /ijn ^oVallcn, waarin oonigo nadoro tooliohtin^ niet overbodig is. Zoo lozon wij op 1)1. 71 van de (losoh. v. Abd. on Alxl. aldaar 10 r. v. 1).; iim S r? ii

} n ' i ) fj ; 111 i n i n rn gt; i t i . 11 gt; ij^-ii 'hi \ aot injjiui iCnij i icn (tn tt^yi

mij ij ui ï i ni^nciMiq ijnui ni~ii/j\ Ci^ifi'i ni.j w ayj tn noi ^ i :ii unjj OUZ.

l)ij den oorston oou'opslan* zon hrt knnnon schijnen, dat do nivdsvonn 11 tui ? (hi .gt; \ (van I m 7o ? \ aniKjeiioam , lekker, pleiziei'ig'}, hier misplaatst is, en wol, omdat gesproken wordt van slechts oen iucrii\ van slechts oon hidhnisje, en liet voorafgaande ij?.inhiij klein, dan ook don mvdsv. niet heeft. Kvonwol unjizan^ is hier volkomen a.ood. Do schrijver heeft namelijk willen nitdrnkken , dat hot hidhnisje in weer don in ecu opzif/f plei-ziorii^ was. \ ooroorst was hot vert rok voorzien van do benoodii^dheden tot huisvesting, vorder bevonden zich in do voorga Her ij i»*r()ote kussens, ton dorden lag er een i^root tapijt op don grond. Met het oog op deze drie zaken, waardoor do lokaliteit, ongerekend nog hetgeen niet word opgesomd, toch in allen gevalle in meer dan oon opzigt aangenaam ol plei-ziorig was, geeft de schrijver aan het woord, waarmee dat aangenaam ol ploizierig zijn wordt botookend , den vorm van het meervond.

§ 117- Waar gesproken wordt van slechts een persoon, bezigt men ook soms den meervoudsvorm. Zoo bv. gebruikt men bv. wel, slechts sprekende van oen persoon. gt;• / m dat do meervoudsvorm is van .rf» »»» ! i(j (Inchten, vree* hehhen. Een voorbeeld vindt men Gesch. van Abd. en Abd. 7:i, 2 r. v. o. Wij kunnen in dit geval den meervoudsvorm in de vertaling zoor goed teruggeven, ö-.Tïcïïïiifj kan namelijk gevoegelijk vertaald worden met verfceereu in duizend angsten. Door Ci^ tï(moj}j]\ van een persoon te bezigen, kwam men er voorts als van zeil toe, om, waar gesproken wordt van oon veelheid, te zeggen 6^^ Dergelijke meervoudsvormen, die van slechts oen persoon sprekende, worden gebruikt, en in verband daarmee, waar sprake is van meer dan oen persoon, om het zoo eens te noemen, nogmaals meervoudig worden gemaakt, zijn er enkele meer.

§ 118. Een korte verklaring is ook niet onnoodig van ruru?*™ cn m ij 11 lii\ do meervoudsvormen van nitm en ij twee woordjes, die beide

veel betookonon. Hoewel het van zelf spreekt, dat het geven van den meervoudsvorm aan een woordje, waarmee veel, n? yroot frontal enz. wordt beteekond, nooit bepaald noodzakelijk is tot regt verstand van don zin, zoo doet men dat toch gaarne, als men, sprekende van een veelheid

-ocr page 63-

OVElt DEN MEKIIVdl DSVOHM.

§ 119.

51

ot tot oen vi'i'lliciil van porsonon, if^ilcr van lien een veelheid van liet een ol ander toeselirijfl, verl)i('dt. ((• liebhen. onlkent dal zn li(0)]ien , enz. Zoo zogt men bv. mei den mvdsvorin : gt;na ■„ „ y,,,y

ol wel iiit :gt;n m Dj iij i ii .7.1' n / n i r i i,n, i Ljj dr iriiddiinn run (1 u bjctiijiiiiiii lichlicn red r(ilt/clhi(/t-ii, ol' wel de irnil(i)ian rnu CutloeiKjoetiij liehhcii niet, red rolgeliiKjen.

I lel is d u id el ijk , dal als men li iet* aan M gt; n den vorm van het ttieervt gt;tid niet geeft, eti zegt, bv. itt pi. v.ati de eerste uitdrukking, i itji iiiinii^ u^nix iim 'f(quot;yquot;Js lt;'a,lrlt;'oor '''' bcleeketiis van die uitdrukking niet wordl gewijzigd. Evenzoo is het gelegen mei de woorden, die de auteur van de „Tjarios Satuaoett den proleet ergetts laat zeggen tot de sahabats : i ju i • ni n nm

, . o O . ) )

i a 11 i gt; 'I j. ijijn gt; ij atjy 11; n ii is 1.1 i n' i n ;i i ij i. in n i j n.ïi i n

enz. Ook hier zott tttel i ju j; n 111 n ij :!'i' ■ even zoo goed ,ds met. zooals

o~ f-

do tekst heel't: i gt; u i ■ n imjit i,,, /i, beleekettd worden: //e/ ii/oel iiiel reel nheder sprei-en of spreekt niet reet. en eeti bepaalde lout zou het bezigen va ti ntt.rn i. pl. v. ni ui? in dati ook mei zijn.

§ u». I'e in de vorige §§ gegeven toeliehtitlg vatt iiii/im;\ en tm,,/ in ol zal, vertrouw en wij, voldoende zijn om ook in andereder-

gelijke gevallen den zin van het pluralis te verstaan. Nog een voorbeeld, en dat klaar bewijst, hoe ruim van dezen vorm wordt gebruik gemaakt , willen wij hier bijbrengen. Wij vinden dat, (ieseli. van Soepena bi. I. 15 r. v. o. „n.,:i I1; I , n ima ip zoo lezen wij daar, ^ i m y i iy , i

'in 13.1I ~ l i. ii 1111 .tljjj LUI II l \ niii\ i l rn i n „• i *1

.},i 'I n? .i.^i y gt; i kii njj noj' ii 11: J i-n r ii i i ii /. y / 7 / t.j Hier wordt zelfs aan 7y ■inv.njjs een woord, dat het ratten ran den «rond beteekent. den vorm van het meervoud (m gegeven, om reden het gebruikt wordt in be

trekking tot (liet aankomen van) een reclheid vatt personen.

§ 121). In nauw verband met de in de vorige ^ ^ besehreven wijze om het meervoud of de veelvuldigheid uitte drukken, staat die, waarbij het woordje ij; ol wel ajiaui voor het woord wordt geplaatst, nadat, als er geen r of / in voorkomt, of waar zulks wel het geval is , waar het woord slechts twee lettergrepen telt, de klank ar of al, ook wel ét-of el is ingevoegd (§ 113) dan wel voorgevoegd (§ 115). [s het woord drielettergrepig, dan blijlt de invoeging van genoemden klank wel eens achterwege.

Van de werkwoorden kan slechts aan een zoogenaamd onvolledig werkwoord (§ 34) zoomede aan een een vou dig werkwoord (§ :5(.l) dezen meervouds- ol veelvtildigheidsvorm gegeven worden, liet eenvoudig werkwoord verliest bij deze vormverandering den neusklank.

j 121. De opmerking zou kunnen gemaakt worden, d»t uien. bij een

t*

-ocr page 64-

OVK1! 1)I'.N MEKIIVOUUSVOUM.

(•(mvoudii; wcrkwoonl, do vorming van het pluralis ook anders kan ver-vcrklarcn. namelijk, dat men /ou kunnen stellen, dat die vorming plaats had van liet grondwoord. Hoewel (leze opvatting voor heeft, dat men daarbij met wegwerping oi' wegvallen van den neusklank niet heeft te maken, waardoor /.e eenvoudiger is dan .le andere, zoo is de stelling toch niet hond-haar. Immers in een groot aantal gevallen is het grondwoord van het eenvoudig werkwoord ongehruikelijk, en zou het meervoudig werkwoord ge-vormil zijn van een woord, dat de heteekenis van dat werkwoord niet heelt.

^ 13:3 Hier volgen een paar meervouds- ol veelvuldigheidsvormen, die van een grondwoord of wel onvolledig werkwoord werden afgeleid. Hv.

i m . m; veehnh'iy rammelen van het onweder, gevormd van ■ gt;i gt;ƒ ni-. inm een klanknahootsing van lt;lat gerommel of rommelen. Zoo hv.

hSikh gt;,!gt;;gt; n {.»tu ' ia^ y' *■gt; ».?i i Pit an «u M/f A «h r.j tyna lt;mfi\ UK'quot;''

Soi-ra, Untcijl het nntreder i;ee/ri'li/if/ ronniielt, gaat maar door met het heicerkeii ran :iju H-ho» met deupatjoet. Een andor voorbeeld vinden wij Kitab Itongrug noe aranèh, hl. 1.5, 7 r. v. o. ^ 1

I .1 het vuur rldinde hoatj Ojj en het (jeluid was een neeleuldi;/

knappen. Het iiier gebezigde u i1;.meervouds- of veelvul-diglieidsvonu van het klanknahootsende woord r.n^»^nn.p kraken, hiajipen, van brandend houtwerk, afgaan, van een kanon, enz.

§ 123. In het Javaanseh worden mede dergelijke vormen als w, • n^^onj en .l. wm (zie de zoo even bijgebragte voorbeelden), aangetroffen.

In de grammatica van die taal, worden ze bestempeld met de benaming zamengestelde frequentatieven (Jav. Or. 2c U. ^ 131). Er wordt meu uitgedrukt, dat iets overal of cmn nlle kanten plaats heeft.

Vertaalt men naar deze heteekenis van overal of aan alle kanten de vormen Sr, ,.„,j,i ™ 'quot;jen „êh inpdnn zou het ^

uit het eerste voorbeeld, luiden: tencijl hel onweder zoo aan alle kanten rommelt, en het ^,-»1 uitliet tweede voorbeeld, zou zijn:

hel geluid was knappen of geknap aan alle kanten. Evenzoo zou ,-i nm (van «Sifn f uiten van een kogel) in bv. 1,,,:,,^

beteekenen: Jlniten aan alle kanten.

Ofseboon een zoodanige vertaling voor de hierbij gebragte voorbeelden zich schijnt aan te bevelen, zoo moet ons dat toch niet verleiden, om, al past een enkele maal ook een vertaling met overal oi aan alle kanten, i„ „en vorm met J; of ««3? meer te zien dan een gewone pluralisvorm. Trouwens, boven bij de bespreking van hebben wij kunnen op

merken , dat „in meer dan een opzigC uitgedrukt kon worden door aan liet woord den meervoudsvorm te geven, waarom zou dan ook niet in sommige gevallen oreral of aan alle kanten op die wijze beteekend kun-

§ 122.

-ocr page 65-

OVUH DKX MKKIlVOUUSVOIt.M.

nen worden? Gemeenlijk echter is dit laatste liet f^cval niet. Ili^t w bv. dat men vindt Sp. d. .1. hl. 1'J. r. I lieteekcnt niets meer dan ronilioandeleii, gezegd van meer dan een persoon, desgelijks het van i-*(i n-quot; 1 gevormde, tJt n i'j j1quot; j niets anders dan loopen door nlruiken of rui//te, gezegd van meer dan een persoon, en is, om nog een voorbeeld bij te brengén, in deze zinsnede van '/de Geschiedenis van Sapriquot;: ■ij-ima

j,ï j m y . . i 'y 'ƒ ttnut? ttjhut r:jtui} f ' i n ti' i 'i '■quot; j VUH de jHlxa 'illi'ïixciti'u

gingen nllen, die hem zagen, aau-'(braken of rochelden rtm walyini/,quot; MÏ r, la gt; i ii i.tijj slechts de meervoudsvorm van n u/1 n i.nq rochelen, gevorderd omdat er gesproken wordt van meer dan een persoon.

§ 124. Hadden wij, in het zooeven genoemde imi-i• reeds een

voorbeeld van meervoudsvorming, met behulp van «sti of mi!) van een eenvoudig werkwoord, hier volgen ter meerdere verduidelijking van het in § 120 omtrent de invoeging dan wel voorvoeging der klanken ar of al 'er of èl) opgemerkte, nog eenige meervoudsvormen van eenvoudige werkwoorden. Zoo is bv. hiïuii in ui \ briesclien, van een veelheid van paarden , de mvdsv. van het, van de klanknabootsing tmi n gevormde eenvoudig werkwoord i.iiiim'ix brieseheu, van een paard; ,ili i.lt; 11 n i n / of wel liJrw i i n;isiyj\ luidkeels nchreenwen, het uitgillen oi uitschreeuwende meervoudsvorm van het eenvoudig werkwoord ii i.-lt; ni np dat, waar slechts sprake is van een persoon, wordt gebezigd; fiï i-n-ri i i/i.ij jlik keren, jlon keren, van de sterren, flikkeren van een veelheid van lichten, Jlonkcren, vaneen veelheid van edelgesteenten , de meervoudsvorm van het eenvoiidig werkwoord .t?ilïj,gt; ;ijiq knipoogen, waarvan het grondwoord is ini kuivi^ lonk, oogwenk-, a?n iai *ji ntu ui,j lonken, toelonken, de m'vdsvonn (te bezigen waar gesproken wordt van meer dan een persoon), van het eenvoudig werkwoord il n i waarvan het grondwoord is i.n ij n iaji j 1'.11 i n i n den

hond of de honden anti hitsen, is du mvdsv. (te bezigen waar gesproken wordt van meer dan een persoon, die aanhitst), van het eenvoudig werkwoord voor welk laatste men echter, zooals men mij verzekerde, altijd zegt lt; liet grondwoord is i i^nij ■ een woordje, waarmee

men honden aanhitst.

Als een voorbeeld van de vorming in het geval, dat in het woord wel een r of l voorkomt, maar, omdat het slechts twee lettergrepen telt. de klank toch wordt ingevoegd of voorgevoegd . herinneren wij kortheids-

§ 12 I'.

1

Een voorbeeld vindt men o. a. Geseli v, Soepëna bl. .Si), *.) r. v. o. Daar treft men ook nog aan i ?/quot;hill Ij i 11111. li J- zva. I n t ^ ' i ' i i u i en de mvdsv. van bet eenvoudig werkwoord im ij ii n i hii j\ z\a. iiixn.iiij-*

-ocr page 66-

5i OVEll DEN MEEKVÜUÜSVOKM. § 125.

luilvc, aan het, in de vorige § genoemde, van ) gevonude

lllCgt; I !• quot; ]

§ 125. Wij zeiden ook (§ 120), dat de invoeging van den klank wel eens achterwege blijft, als het woord drielettergrepig is. In het, in de noot onder de vorige § vernielde mik»? iji i ui '.quot;ij hadden wij daarvan reeds een voorbeeld. Zoo is ook van het onvolledig werkwoord rrmnjtijiajiinvjjs oiHverliii/iieleu, valh'ii, bv. van iemand, die door een sehot werd getrollen, de mvdsvonn , i^n die te bezigen is, waar sprake van meer dan een persoon: iïj ,ngt; ij n i .111 ii j .v \ ermeldenswaardig is ook het rii hn t ij ij lh i.i ij ii i-ïï i:t fiiy (ieseli. van Soepèna bl. 20, 1G r. v.o. Wij lezen daar ih ilinji^i? ^ii i.n/ 11 in iit-n h i gt;1 ii in r'i ijiyij a iijii h i j toot (juiyoi de cmhdns deii fimj overal- in alle l/oeh'eu en (/aatjes, zoeken. Uier werd liet drielettergrejiige gt;• II ? n IJl Ij i'n niet voorzien van den klank, wel het insgelijks drielettergrepige ^ gt;, t i'u ïtt wq \ iemand ot' iets zoeken., opzoeken, opsporen.

§ 120. Omtrent den meervoudsvorm n.ia i p tdinken, scldtleren,

bv. van de bajonnetten op geweren, valt op te merken, dat die, wil men hier niet denken aan eenige wijziging in de uitspraak, door invloed van het Javaansehe nj ■■ ] ïli.i i j /tlhiken , ijliinzit/, zou moeten zijn t.i u'i rn gt;] n / ,i) i« Ue grondvorm is namelijk het onvolledig werkwoord nhruivi^ Ijliukeu, (jlitnmen enz. Maar hoewel van m.mivins de meervoudsvorm m quot;miiaji\ bestaat, zoo is iui tïi m Pm i njtn toch ongebruikelijk. Voorts zegt men i. pl. v. hjiit;n j/ƒ r] /1 l i i j ook wel lt; iPn iij n't ?i i i.i]^ Ook schuift men er, geheel on-noodig, den klank ar nog wel eens in, en zegt zoo .i 11 u td ^ n n i r/yw

Een korte vermelding moge hier, met het oog op de vorming door invoeging van den klank ar, ook nog plaats vinden van het werkwoord aoi? i. l f i I' 1.1, gt; .1 n j \ stilletjes weijuenien, hetzij om te stelen, hetzij enkel om te gebruiken. De grondvorm is en men zal zich de vorming van

jjuufyii /.in ihtin zoo moeten voorstellen, dat aan kii i.iitmti.p met behulp van ar den meervoudsvorm werd gegeven, waarbij echter de a klank overging in den o klank, zoodat het niet werd i-i mi.iitv.iij\ maar on: mj.tithii/jw Van dit laatste werd vervolgens, door reduplicatie van de eerste svliahe van het wooril, gevormd i i? i i?n11.nt i In het dagelijksch leven zegt men ook wel gt;ji j i ' ■ *1 ? i.. n t

§ 127. Ten besluite van dit hoofdstuk, stippen wij hier nog aan, dat over het redewoordje ivncis s. 11 /!\ li. zooals het voor een gezegde wordt geplaatst, om daaraan een collectieven zin te geven, later zal worden gehandeld.

-ocr page 67-

^ 128. HUT AANHECHTSEL 6(01«^ EN DAARMKi; OEVOIIMDU WüOKDEN. 55 IJ et aanhechtsel ^ en daarttieê (jcvonnde tcoorden.

\ 138. Tot vorming van all'eleide woorden, maakt hot Soondasch ecu zeer mini gebruik van liet aanhechtsel een sutlix, dat ook in het

Maleisch, Javaansch en Madocreeseh een belangrijke rol vervuil.

De aanhechting heeft in het Soendasch plaats als volgt. Is de sluitletter van het woord, door den pamaèh, den a klank ontnomen, of wel, wordt do laatste lettergreep gesloten dooreen pan gl ajar of pan g-njètjèk, dan worden in de uiUjrraaik, die sluitletter, panghijar ofpang-njetjèk van het woord afgescheiden en met het aanhechtsel tot een letter-

t

greep verbonden. In het ach rift worden ze echter verdubbeld, wat panghijar en pangnjètjèk betreft, met een overeenkomstigen medeklinker. Zoo bv. van {land in tegenoverstcliing van water): i.i dara-

tan {hel vaste laud, vastland); van i i \eifenis'): ' i n i.j.m/ wari-

san (erj'deeT); van {merdenl'huj, i/edachtr'): il iPirnj.ij piki-ran (ge

dachte , denkbeeld, nieeniny); van intip {uitgedrukt in, gerekend bij): in .1 y t.;i m ƒ itoe-ngan {berekening).

§ 129. Eindigt het woord op een panglisad (^), het teeken, dat den medeklinker in (Ji), als sluitletter van een woord of lettergreep vervangt, dan is liet met de uitspraak evenzoo gelegen als in de zooeven besproken gevallen, t, w. de panglisad wordt afgescheiden en niet het aanhechtsel tot een lettergreep verbonden. Hetgeen werd gezegd, omtrent de verdubbeling in het schrift, geldt ook hier, waarbij echter nog valt op te merken, dat de medeklinker, waarmee de panglisad wordt verdubbeld, natuurlijk de i n zijnde, het aanhechtsel als van zelf wordt ,lt; »ui/ gt; Zoo bv. van het ongebruikelijke door aanhechting van het suffix;

immi,j\ hetgeen wordt uitgesproken sisi-han.

De enkele gevallen, waarin van dezen regel wordt afgeweken, zijn als uitzonderingen te beschouwen. Een daarvan is de afleiding ' ' ' j '-im j i dawoe-an, plaats, waar het water uit een rivier stroomt in de waterleiding,

van het grondwoord Van datzelfde ta rjf heeft men ook, gevornul

en uitgesproken zooais daar straks werd gezegd, de alleiding Kt ^ lt; r n ui.j dawoe-han, gelijk het grondwoord, in gebruik voor: de woorden, het zeggen van een zeer aanzienlijke, last, bevel, enz. Dat de iSoendanees zoo twee, langs denzelfden weg gevormde, afleidingen van een en hetzelfde grondwoord heeft, afleidingen, die al mogen ze, wanneer men let op het oorspronkelijke begrip van het grondwoord, tot elkaar zijn Ie brengen, tegenwoordig toch zeer in beteekenis verschillen, dil zal wel hier uit verklaard moeten worden, dat hij de eerstgenoemde, namelijk i.ip overnam uit het .lavaanseh, waarin dit woord iets dergelijks als in

-ocr page 68-

5ü li KT .V .VN II EC HTS KL KN DAARMEE GEVüKMDK WOORDEN. § 130.

het Soeiulasch, t. \v. Jam in water om het af te leiden, beteekent. Dooide Jiivaansehe uitspraak misleid, kon hij er toe komen, het als een geheel ander woord dan m/j te beschouwen.

§ 130. Kindigt het woord op den a klank, dan heelt in den regel de aanhechting zonder ecnige wijziging plaats, zoo wordt bv. van het grondwoord i rgt;i km \ gevormd .'lï /.ni~-i.7:1 j\ {ondcrzuc/c); van cutnam {et-rsl, cooraf ), i n/ n 1 , dat in dezelfde beteekenis als .t nt u i wordt gebruikt; van hj 11 {J/ffc), /uji :i j^-i ,gt;,;ƒ \ {beidt te zintint, met zijn heiden, le zamen met iemand, enz). Zamensmelting van de «, waarop het woord eindigt met de a van het aanhechtsel, heelt echter ook wel eens een enkele maal plaats. Bv. van het grondwoord is gevormd (met reduplicatie der

eerste lettergreep, waarover later), uinji 11 .wij. wawatjan, yeschrift of hoek in (jehondeti stijl). Op dezelfde wijze werd gevormd van izhi.i (spraak, taal, enz.), i-nvu kiki^ babasan, (spreekwijze, spreekwoordelijk gezeyde). De a van het aanhechtsel smolt zaaien, zonder verlenging in de uitspraak, met de a, waarop het woord eindigt. Maar hierbij is het opmerkelijk, dat ditzelfde woord, ook, zonder dat daarin de a klanken zamensmolten, d. w. z. in den vorm van en daarmeê overeenkomstige uit

spraak babasaan in gebruik is. Wat de beteekenis betreft, die is ongeveer dezelfde als die van liiii.ii.i^. babasan, namelijk: uitdrukking, zeys-wijze, spreekwijze.

§ 131. Eindelijk, eindigt het woord op een i of c klank, dan gaatde a van het aanhechtsel over in den klank van de .im en eindigt het woord op een oe of è, dan gaat die a over in de klank van de ajiw Zoo van Liti* {benaming van de djagong, in het tijdperk van ontwikkeling, dat de korrels zich nog niet hebheu gevormd), iJ.ri Lumj semijan (nog zonder korrels zijn, van te veld staande djagong); van y vi (vrouw), ^11 lui m ,j \ èwèjan {zich een vrouw nemen, getrouwd zijn met); van ajiijMi pakè, {deksel, kleeding'), .u ij pakèjan (het tuig van een paard), en reu mins papakejan {kleeding , gewa(id); van t^u u^ - {drie), hnfrii m hi j tiloewan (drietal, met hun drieeii); van 1111 n gt; - polio (vergeteii), i.?/.1 ngt; gt; 1 \ pohowan {vergeetachtig).

§ 132. Hoewel de uitzonderingen wederom niet zeer talrijk zijn, zoo zijn er toch genoeg, om er met een enkel woord melding van te maken. Kene er van, is het, van het grondwoord 771m yrn gevormde ij.m ipyuunonp bèrchaii, goed geefxch, gevensgezind. Men vindt het woord o. a. Gesch. v. d. Kapitein Marion bl. 5, 9 r. v. b. zoomede Gesch. v. Abd. en Abd. bl. 101, S r. v. o. Dat de n van het aanhechtsel hier in den klank h overging, zoodat het woord werd bèrèhan en niet bèrèjan, is ook daarom opmerkelijk, dewijl men de overgang met de j wel kreeg in het, insgelijks

-ocr page 69-

§ 133. HET AANHECHTSEL. J-ü-hM EN DAARMEE (jEVORMDE WOORDEN. 5?

met liet aanheclitsel gevornuli! »ƒ; i i/ n uim/-. nicrujaii (tnecgevctt, c/ai-lisc/t), enz.

Andere uitzonderingen zijn: tirrmm Mip' 1) hcee Iniiidni op één hulk zijn, hel eens zijn, van het grondwoord .m iip dat niet in gebruik is; i ui j\ dapperheid, stoutheid, vermetelheid, van het grondwoord .jjiaox moedty, dapper; xm nai.iwj)-' maal, heer, van het ongebruikelijke i-nhli\ een .lav. woord, dat o. a. genoemde beteekenis heelt; 'gt;n r„],/,■gt; mp ijruule meneer, voornaam persoon, van in tyi:gt; ijroot, aanzienlijk; ^ ry^ '1 quot;'ij gevangenis, van en in gebruik nevens het grondwoord ] loll, boei, gevangenis.

Eegelmatig gevormd zouden deze vijf woorden moeten luiden: « lt;vnu/ n ■hip (sailoewan^ , ' j m i?i, 11 j:i j (iv aio an ij au), en iu hi.hij [Ija/ija n), .m n] y '* ititiHi/j {gègèdèjan), en u iry 'lm tn,1) (paboeivijan).

§ 133. De woorden, gevormd met behulp van het aanhechtsel zooveel mogelijk, naar hun beteekenissen, groepeerende, ondersc-heiden wij:

a. zulke, die de beteekenis hebben van een substan tiet', /e hebben het eigenaardige, dat de zin veelal is een objectieve. Zoo bv. rij ry; i.i n.ip iemands deel, taak, toeheschikt deel, van .i.yary^\ ongebr. grondwoord; i ut rji-yitnjjs riggel ol' regel opgehoogde aarde, ook wel ondiepe voor om in Ie planten, van rij, bv, geplante katjang; ijt.n ii/j^imp lUetsclwcrk.

gepleisterde vloer , van ijasnn nunjfs gemetseld, steenen , van steen-, iit^i.iiui nip tuig van een paard, van ajinjMm deksel, kleeding: i-ij 11 it^i mp vergadering, verzameltng, van i.i^.i iijnip lnjeen , lnj elkaar; i-n t j gt;gt;gt; j.i j■ nog onderhanden naaiwerk; 2), van unx^ waarvan ook n i ^ .mp naaijen.

/y. zulke, die men collectieve naamwoorden zou kunnen noemen, ids beteekenende een aantal voorwerpen, als een geheel genomen ol' beschouwd. Herhaling van de eerste letter van het grondwoord 3) heeft hierbij plaats. Zoo bv. gt;• n t,u en i u gehoomte, het kleinere hout in een woud, kreupelhout, van i n t n\ hout, hoorn; nn hn 71 i i jnqgt; gehloenite, van quot;quot;oV hloe'.n , vrg. j j ^p hieronder bij c); i-i 11 ^ .■ n i 11.nt.-j. gewaad, kleeding, evenzoo als het hierboven genoemde van

deksel, kleeding; xn i'n i.n ti^i ),ip gehoomte, hoornen, planten en gewassen, van dmnn njjjt een op stam gr oeij end gewas, plant, hoorn.; iyi.y,t;i^ii.wj\ ooft, fruit, van rn.ui^ vrucht; .Ki7.i imi ii.ip gedierten, van ii um* dier. Enz.

1

Over het voorvoegsel ii ■ waarmee het eerste, zoomede over het voorvoegsel i.i\ waarmee het laatste van deze woorden is gevormd, zal later gesproken worden.

-ocr page 70-

5igt; HET AANIII'.CHTSr.I, KN DAARMEE GEVORMDE WOORDEN. § 133.

A filter een telwoord gevoegd, beteekent liet aanliechtsel hetgeen ons tal aan dergelijk woord gehecht , uitdrukt. Zoo is ^ van tcj ';i\

twee. te vertalen niet tweetal; .igt;?i nj gt; ik-ip van (biin^ drie, met drietal-, i)i.] m f.i j van ' i i i 11' i vier, niet viertal', enz. Maar gt; j.7 11''' ]' van ,,, het woord, waanneè benamingen van tientallen worden gevormd, beteekent nevens tiental, ook tientallen, hij tientallen. En gt;i i.iuijj. van ■itKiji.ij honderdtal, heelt slechts dien laatsten onbepaalden zin, de be-teekenis is namelijk; honderden, hij honderden. Evenzoo y''1Jn ] e,lz-

c. zulke, waarmee een zekere gesteldheid, ook wel een hoedanigheid of geaardheid wordt beteekend. Wat de gesteldheid betreft, deze werd door omstandigheden geboren, of wel kwam als het ware uit het ob-jeet zelf voor, m. a w. ze heeft een accidenteel karakter. Ziehier eenige voorbeelden, lt;ƒ».» j'j i:i wiy van mkhkm zweet, beteekent met zweet zijn, he-zweet zijit; lt; lesgiil ijks van n gt; üt\ dnrceu: n j iini i u.:^ conragens; van quot;y-y hoekje, schijfje kawoengsuiker, fn i.y it.ij zijn, in den rori/i ran een koekjeo{schijfje; ook koek'e of schijfje, als henauiiinj ran den toestand of vonn, waarin zich de suiker herindt, niet als de benaming van een zekere hoeveelheid; van i. ii ;'i \ hloem : i. n i'i iih i j niet hloenien zijn, hloeijen; van ry n j het haar op het lijl van mensehen en dieren, veer, veiren: inni n .m/j^ haar heltben, niet haar zijn; veéren hehhtn; van ! 11-fiini de eitjes, waaruit de maden voortkomen in hedorven vleesch: zijn met dergelijke eitjes; van

dat ongebr. is, maar, gelijk in het .lawiansch, oiiUerriyt, oefeniny, dressuur, zal moeten beteekenen , j_i i.-,- 'iki.i ongedresseerd, onijeoefe.nd, ook )iolt;j niet goed gedresseerd, bv. van een paard 1). I it deze voorbeelden blijkt, dat de zin van het aanhechtsel zeer dikwijls door met, of, wil men, zijn met kan worden teruggegeven. 2)

De eerste letter van het woord, dat liet aanhechtsel krijgt, wordt ook wel herhaald. Bv. van i-yvrijdag, waarvan ook gt; /r-j •• i ; voor een week, van vrijdag tot vrijdag gerekend, heeft men zoo ver zijn, dat ze met een week of veertien dagen kan gesneden worden, van te veld staande paré gezegd. Zoo ook van ngt; t n i vriend, iu ku i n l il ).i ƒ r'/'iendeii zijn , in vriendschap of ah vrienden teven met iemand (.la,v. :gt;.l gt; t:tt .l gt;'l h'l 3)

Hoewel, als men bv. wil zeggen: u/we komt het, datje hand hehtoedis,quot;

i ) liet Javaauscbj ? n ij n }■ i j beteekent geoefend, gedresseerd.

~) 'A\e. (iuk het Supplement WJbk. voor ' /ƒ gt;gt;ilt;i/l en het spraakgebruik van dat woord.

3) 'Aw, de noot onder t/.

-ocr page 71-

§ i33. HET AANinXIIT.SKI, Ój* i.i j EN UA.VKMEE GEVORMDE WOORDEN. ü 'J

kan vülstiiiiii niet: 1.! iun ' jt gt;.U hJ:/ HI? III i n ï 1 n iiijj\ zoo wordt toch (j^-i iLt\ zijn, of, hij ontkenning, i. pl. v. anj.i/ iiief, niet zijn wel inge

voegd. /00 l)v. 11] l iir - 1 n i j 'i /y 1 1 ''1 ' *' *'n ] ■ i - -t i i 11') 11 M(i 1, i j /101' niet in die opeumg, ze is met slangen, d. i. er zijn slawjm in; tjy ■} nh iii't.iiy isr^tniinj mijn hoofd is niet met luizen, lt;1. i. op mijn hoofd zijn y een luizen. Desgelijks Gesch. v. (I. Kapitein Marion, hl. 24. 11 r. v. o. .t»

O quot;gt; O

iL/i hn i I fi ^ n,n r I m gt; n ii\ ; ft'' i: tn {^tmj i/1 i.-; f 7 m (ld I' Zti VOU-

v l 'O 1

den het durjj verlaten, het was niet met raensehen, geen enkel, d. i. er

waren yeen menschen in , ijeen enkel. Zoo ook nog; in nu ;gt;•;'/ / ]gt; gt; il 'y.ii;/,1

/1 j 1 igt; 1; i -1 ij mi' - de lam]) is niet mei olie, d. i. er ia geen olie in

de lamp.

f/.zulke, die be teek en en, he t gee n het, van h et grond woord, met behulp van den neusklank, gevormde w erk w oord zou 1)eteekenen. 1quot;) Zoo is In', van het grondwoord i gt; hi kim-, gevormd t).quot;i

r- (t —' 1 M

.spreken, zeggen, zich wenden tot een meerdere. Bv. Geseh. v. Soepena, bl. (') , 10 r. V. h. mi-^i j.ijini) uii^ii ui'niji'i i.i i in 1 hytitn jiiq\

vervolgens zeidc Socjie/ia tot den Kaden Patih: met Lw eer lof, Djoeragan enz. Evenzoo Gesch. v. Ahd. en Abd. lil. 63, 3 r. v. o. Een ander voorbeeld hebben wij in het, van het grondwoord i niy wat men herigl, zegt tot een meerdere, mededeeling, vei'klaring, aanhieding enz., ook zeggen (§ o-l), gevormde lt;t ?i i » m dat niet slechts volgens («) heteekent mededeeling, verslag, rapport enz., dus een substantiet is, maar ook als werkwoord optreedt, om te heteekenen zeggen, verklaren, mededeeleu, zich wenden tot een meerdere. Bv. Gesch. van Ahd. en Ahd. hl. 15 8 r. v. h. i'ilh ft* gt;gt; i ^ li in i n i y quot; * in\ en (^ze) zeiden tot hnn vilder. Een dergelijke plaats vindt men Gesch. v. Soepena, hl. :!li, S r. Ook nog een. Gesch. van Abd. en Abd. bl. 7, 10 r.

e. Zulke, die den zin hebben van een comparatief. Zoo zegt men b. v. wel, hij vergelijking der lengte van twee voorwerpen: 11 i.Vi.i

C-^

inqrnïm-. van het voorwerp, dat men langer dan het andere bevindt. Eigenlijk heteekent .u 1.V1-1 mV dit verkeert in de gesteldheid, dat liet .ijkin dat het lang is, namelijk, tegenover of vergeleken met liet an-dere. Meer voorbeelden hij te brengen zal onnoodig zijn.

ƒ. Zulke, die benamingen zijn van hoeveelheid of maat, om te heteekenen hij hoeveel of voor hoeveel iets bv. wordt verkocht, iets te krijgen is, moet gekocht worden, enz. Herhaling van het

!) De eerste lettergreep van tiet grondwoord wordt ook wel herhaald, hierover bij de Iteduplicatie.quot;

-ocr page 72-

ÜO 11 KT .V.VNIIKCHTSEL i.-l lij KN' DWll.MKB OEVOIIMDE W,))IU)i;N'. § 13K

groiuUvoord is hierbij niet zeldzaam. Als voorbeeld moge dienen: ^'' 7quot;J 1.} nip van hel grondwoord 7-mm j lloll. cent. liet beteekent hij centen, ct'ttixfjt'uujZi', Itij dr cent. liv. 111 : t/1.1 ,* tgt; 1? 1!j.i i gt;1 hgt;yj jWy ■ dnt liimt (je niet /•oo//('/( hij de cent of centsyeioijze, ge moet minstens ec^n dubbeltje besteden. 1)

§ lot. Met hetgeen in de voorgaande §§ werd gezegd, zijn nog niet alle soorten der, met het aanhechtsel nn gevormde, woorden besproken.

Kvenwel, behoudens enkele opmerkingen . waarmee wij dit hoofdstuk willen besluiten, zullen we, hetgeen ter zake nog valt te zeggen, bewaren tot de hoofdstukken wReduplicatiequot; en «Herhalingquot;. In genoemde twee hoofdstukken zal het aanhechtsel wederom ter sprake moeten komen.

§ 135. Hetgeen wij hier nog, alvorens tot de bespreking van een ander suilix over te gaan, wensehen op te merken, is het volgende. Niet altijd is ile functie van het aanhechtsel au zoo duidelijk, als in de bereids opgesomde en in de zooeven genoemde hoofdstukken nog te beschouwen gevallen. Soms is het toegeven aan de reeds meermalen vermelde zucht tot verlenging der woorden, de eenige aannemelijke verklaring voor het gebruik van het aanhechtsel. Zoo wordt, om een voorbeeld te noemen, voor ja; -etfn, ja . nevens «otao» k»m\ gebezigd i:t Ki hn io/j\\ O. a. in het hand-schrilt der Gesch. van bauiaoen : ;--j iii i h / ? lyiT-yil iji.j nu hi '^i quot;'] hu ili 1'ij m ill 1 hi 11/ 1 hh hi ^-1 -iiin iii i j t.'i ■ r11.ii n i i11 er icas ren .strijder, niet. name Ka lil, hij iiitsteli woedt// en sterk , ja, in de stad Soeara, was er nlemcmd zooals hul tl. En b|gt;. d. .1. bl. *12, 5 r. 11 n gt;■ n gt;lt;111 ii]gt;. i; 1 gt; 1/11.-; m gt;

1 gt; 1.1,,1 f(c,

11 s 'i 11 iL'i / h 1 i'h' ij ijj hi * t'n mi e.—.n ja, fi Is ze (jt'kund hadden, zeker zonden zc den haan in het leren hehhen termjejeroepeu. Een ander en nog sterker voorbeeld is x/mrj ii 11 dat door tweemaal aanhechting van an, ge

vormd werd van imri-h en daarnevens in gebruik is voor: kijk! zie! enz.

§ 130. Aangaande hju 7 mi.u^ip ten dage van, op den dag van, van i,igt; Ti ms dag, wordt hier nog aangeteekend, dat dit volgens § 133 c. kan worden verklaard. Men voegt er ook wel of ,701 «1 voor, en zegt zoo 7quot; (of aPttn) ui ui 11 ui jnji. maar noodig is de voorvoeging van dat voortzetsel q;? niet. Het spraakgebruik decreteert zulks ook als overbodig, en is dus in dezen met de grammatica in overeenstemming. Maar daarentegen verbiedt het, om .i,igt; ij ui xiiw/i te doen volgen door de benaming van een dag van de week , en te zeggen bv. t.,111111111 h I j I n II j O t' ^ li I, li 1111 j 111111,1 j i 1 ini.i/j\ voor; op den dag van zondag of op zondag. Het moet zijn ugt; 111-1

1

Zilveren stuivertjes heeft uier, in Ned. hul. niet. Onder het dubbeltje, slechts centen , halve centen eu twee-en-eeu luilve cents stukken.

-ocr page 73-

§ 137. HET AANIIKCilTSEL EN DAARMEE GEVOHMDE WOORDEN. 61

Ö^I/IIIIOIJ o( aS (iJ in) *.*'tf t-tf» Croetl is uttf «:» uttyrji-tt op

'IdtJ Vfm ii'lmt'dii. Zoo ook aji/iii-rm tul gt; UI I.n/I'jin\ ill: inimij quot; 1quot; i // 11 ai gt; i . ! ï 1.1 11* 11 i i 111 h] 1)' i h n' i i 1.1 \ l)il heftlu 'li tri'i'(U /// ircrkiuii op ilm

' ' ' (.! C- '

da ij van hd afyekoiiduiil worden (jtcr afkondiijwy). Kn/.

HET A AN II ECIITSEIj .Ju una EN DAARMEE fiEVORMDE WOORDEN.

§ i;57. Niet inilidcr belangrijk dan luit aaniicchtscl i_,iar^ij• is liet aan-hcclitsel (Jgt;gt; nn/i (en n). Het wordt f)|) dci-^clijkc wijze, als omtren) a n is opgemerkt, aangeliecht. Zamonsmelting van den klinker, waarop liet woord uitgaat, met dien van het suffix, heeft echter geen plaats.

§ 1:58. Ook het aanhechtsel èShan/t heeft versehillende functies. Vooreerst dient het tot vorming van substantieven , en metzoo'n substantief wordl dan in liet algemeen beteekend : iemand of iets, om te ondwyaan of te wordt-)/ (Kinffedn(rn. oh/ te xtrekkex of hestemd tot hetgeen nit/jediiikt wordl door het woord, dal het .wfji.r kreeg; is dat woord onyebruikelijk, da a door een werkwoord, wnarrau dat woord het grondwoord is. Zoo beteekent bv. van im.nwp elen, t v i.ii i.jt(Hi/f\ eetwaar; van het ongebr. grondwoord van i nymj.

naaijeti, iets naaijcn, i'quot; i j' h']' ^quot;quot;quot;'.ien goed, de geknipte, ge

sneden of afgesneden lap of tappen, die genaaid moeten worden l); van gt;) nAtaji* rocken, i:)^i^r.injf\ de ingredienten roor de intatidsche sigaar; van Tiet ongebr. grondwoord van rimenschen of dieren honden, er op nahouden, onderhonden, i 'n i j i.iji' dier, om- er op na te ho/nten. /oo ook tj jn j^~i i.jt ui^ ft'/i/(tmt. o/k. b/j te (/edele// ot t/zj te sehoo/Jen. liet grondwoord is i/ .Li tlt;i\ ongebr. Hiervan x/ ti m\ iets rragen , oerzoeken, waarvan voorts de veelvuldigheidsvorm (§ 66) kj hiy- die gebezigd wordt, als het vragen of verzoeken geschiedt door een persoon, aan meer dan een of bij herhaling aan een persoon. 2)

§ 1:59. Intusschen , niet altijd kunnen dergelijke woorden als substantieven worden opgevat. Zoo zijn in de spreekwijze (Gesch. v. Soepëna

1 1 -r. 1 - ■ O t O quot;) o i ■gt; ri

1)1 '} .' . t.) 1,1 hl;l m I. II 'KI / J n gt; III/ }.ll / }. II i KI 1' .bil l.tl / '1 i Kil/■'1'1.quot; ( t.gt;1.111

/Y co --'

fyl ij fft »lt; h ff m h n ? gt;•) ij \ (lc woorden in f hn f hl) gt; m/j \ rn ?gt;) ? ? CHifj ('11 /. tt ij / i /.»lt; /gt;

(Hi/j geen siibst;intieven, de beteekenis van het eerste { hu tji? t beteekent

iets afhouwen) is : om af fc houwen, liet tweede is ienuind

1) Vergelijk hn h) j\ § 133 a.

2) Van tj 'f.i h) heeft men behalve /.:] y t/i ui\ dat gebezigd wordt van hetgeen gevraagd wordt, ook het Passief itS ij ii/i piCi }njj\ dat gezegd wordt van hein, wien iets gevraagd of verzocht wordl.

-ocr page 74-

('ri HET A ANN KC11 'I'S EL j . 11 (hl j EN DAARMEE GEVOMRDE WOORDEN. § 140.

ot cm dier, met een kris, piek of (lcri^. wapen, //ij den mond {Jick, iumï) m de /vr/ v/r/v//), IxMcckont: om ecu kris, piek of denj. in Ie xleken, fcr-wijI de hclcckcnis van het derde t ij t.i hn/j\ hrteckent honwen , een hnk (fevrn\ is; om op ol /// tr hahhen. I^en ander voorbeeld hchlx'n wij in ij it ins i.jthijs om te hoove)! ol aan le hoor en (^r / ^ iiin? ki/j\ heieekenf.: iets annhooren).

\ oorzien van het aaidieelit.sel (na), waarovlt;M* later, en dat o, a. «lient tot vorming van snhstanlicven . komt ij i'nj 11 i.ns i.js i.itj o. a. voor, in de, dikwijls in verhalen, hij de hesehrijvinu; van een i^eveehl of sehilderiny; van leesteedrniseh , te vinden uitdrukking: / ngt; gt; j //ƒ - if is, ij n !.,]? i jw.irer-ward ol niet te on der scheuten was het om te hoorene ol hef nan te hoor ene, waarvoor wij zeggen: met te onderscheidêïi. was, hef (je en men hoorde. Nojr een voorbeeld hehhen wij in ï It Ki? *]i.jgt; i,ij\ om te lachen. Itelachefijk. hjj'iit ni.n'hif heteekent om iemand fachen. *)

§ 1 I-O. Soms laat het woord iuu'derlei vertaling toe. Igt;v. het hierboven 1-JS) genoemde ri/.ï.y./dat wij daar vertaalden met: dier, om. e?' op na te honden^ kan ook opgevat worden :ds eenvoudig te bete(^kenen: om er op na fe houden. De omstandigheid, d.il /.»/^\ of. zooals bv. Kitab l)ongeng noe aranèh bi. i-.'j, :gt; r. v. o, en (Jeseh. v. Abd. en Abd. bl. 1151 4 r, xro n i i j\ ook wel eens i.iigt; i n n i ij ftesfemdroor, voor. om, tof is vooroj)geplaatst, behoefi er niet toe te leiden een vorm als » bepaald als substan

tief op te vatten. Zal van de zinsneden rKit;d) Dongeng, n. a. bl. 43, 2 r. V. O.) n i i ii uifj i i n ii i*! i.nq i n n t n ii (ijlt jii/j i i i ii ui i.'n i.^ .i it in/i de vertaling wel mogen luiden: (je ha aide t (/een vogels nil, om ze le eten ol om ze er op na te honden, uit dit voorbeeld: / gt; iiitfut? n i.i.nufiji i. h it:i ? hi/j\ (k/i: m.njj i n gt; i.ïi ut m a i ^ blijkt duidelijk, dat de voorvoeging niets tot de zaak afdoet. Immers hierin ontbreekt m en bestaat er juist

alle re don, om rh i.i i iiMifj als een substantief te beschouwen en dustever-

-ocr page 75-

§ 141. HET AANniCCUTSEL EN DAAUMEE GEVORMDE WÜOUDEN. Ö:i

tulen: de marter is geen dier om er up na le houden, vu ut hij in /jtdnsf on kippen. Zoo ook i n/ ii' m/■ m i lgt; g.i» o. :i. fiesch. v . en \ Ixl. hl. ;i I.

10 r. lt;'n K5 r. zoomeile 1)1. 7, 2 r. v. o. ()ok dit k.'ni nis snlisliinlii^f optreden, en o. a. beteekenen: dringende of pressaule :nl-en. In hel woordenboek heh ik slechts deze heteekenis opgegeven. I'e auiigehiialde pl:i:dsen Zllllttn, na lietgecni hier hoven werd gezegd, gemakkelijk zijn te verstaan.

§ 1U. Zeer dikwijls geeft ook het aanlierhtsel aan het woord de heteekenis van een gesteldheid. Die gesteldheid werd niet geboren door de werking van een snhjeet, maar is van aeeidonteelen aard. Ook hetgeen gemeenlijkquot; wordt uitgedrukt niet het woordje aimrn namelijk te, a! te, /loveiiiiiate, uitermate enz. wordt hierbij wel beteekend. Zoo bv. ai .t-ni ï.n? w/]\ hitter 'Sinnhm . van I J i n inj' t/itter; jj I , i,iis njti.ij niet i)\ ftlrcht.s woeijeUjk hunnen wateren, tengevolge van het eten van djèngkol, van gt;gt;. u? ti s naam ran een vracht; i-n' nn Ity t/ij \ van iemand die nog jongis: de hezaiHydheid en het overleg ran rijper leeftijd In zitten, van i.ngt; u ond, bejaard; rerhit, van iemand, door het eten van iets, dat

verhittend of heet is (door veel peper); i gt;iVrgt;al te heswaard, van ? m mnjj Zicnni'.

De eiTste letter van het woord, dat het aanheehtsel krijgt, wordt ook wel herhaald. Uv. van notj. not/maah, heeft men i Ju!/1n inrin-i^

nogmaals (voor de tweerle, derde enz. maal) het mtten doen. het begecren ol rerlangen tlt;■ doen; ook : den smaal- er ran weg hebben of krijgen. Mede wordt dan wel de keelneusklank ingeselioven, tot sluiting der eerste lettergreep. Zoo van het hierboven genoemde at te:

al te, al te of at te erg (het maken), waarvan de in het woordenboek opgegeven beteekenissen: erg plagen, kwellen, teed aandoen, hartzeer veroorzaken. Tot versterking wordt tóiVi» noch wel achtergevoegd, zoodat de uitdrukking wordt: lintitri? tii ii* i'nw

§ 142. De heteekenis van een gesteldheid krijgen ook de benamingen der windstreken, als zij van het aanhechtsel worden voorzien. Zoo van hu ij n i\ het voorden: gt;• n 'f ui :ii gt; \ ten noorden ran, benoorden; van gt;,/) ? ƒ n! i het zuiden'. gt;■ ki p ten zuiden van, bezuiden; van ij oiasn uiijs het

oosten: ifiatsnüjiiHip ten oosten van, beoosten; en van hujutim^ het leesten: t.y t ten leesten ran, beleesten.

Woordjes zooals 'yi'y hoog, boren-, laag-, .i.ruu n\ achter-,

die op zieh zelf reeds benamingen van gesteldheid zijn, krijgen toch nog wel het aanhechtsel. Dat geschiedt insgelijks wel, als ze de voorzetsels oS of mn waarover later, voor zich hebben. Zoo bv. van be-

n -i

neden , onder: an i n wnji ~ i * ito n; van h n i ntn ti !■ naar beneden, naar onderen:

) n s , t s /

mi nni wiL/j VJllI Op, UOVCIl: icin ; van Hflfll'

-ocr page 76-

0)4- HET .\..\.NT II KC HTS KIi t nyj KX D.VAIlMKK (JKVOltMDK WOOUDKN. § llo.

fjovtu , omhoog: i.ii a J Ly.u *^ en vim dot (Li iLi \ fa' zijde van bv. liet luiis:

-gt; •» i'

/. » ,1 I Ij! (Uil hhj*

^ 1 |:1. In den £1011(1 (l(M* /ank dezclldc fuiK-tic, luustt liet iianhi'c:litsol, waar hot, in soinmin'c zaiiu^iiiji'stoldc lieniiniingcn en uitdiiikkiiiijon, aan hot woord do hotookonis gt^olt van oen ho cd an ig he i d of (j r aar d he i d. \ ertalen kan men liet in zulke gevallen met: als. Bv. Gesch. v. Soepëna 1)1. 4, '.I r. v. o. wordt van dlt;' vrouwen gezegd, dat 7.c wi nl ij iijim ; i luan/f a-Sl 'ri a.ij 'l- '• dat ze geloof -daan aan alles, wat de men.te hm

zeg ij e)i, en alles, hetgeen :e hooren, dadelijk oterhahhelen. Letterlijk wordt or wezeaid: dat -lt;■ ooren hehhen, van de hoedauiijheid of geaardheid van een htoedzuiger, d. i. als een tiloedzniijer, en lippen , van dr hoedanigheid van een loan wet gaten, d. i. als een wan met gaten. Op dergelijke wijze moot verklaard worden j /•* y n i ngt; lt; lt;gt;' gt; i gt;i i.i j van ^ gt;gt; tj m gt; • scheur ('li ).ngt; i gt;igt; t/ijl soort kleine Inndkrali. Hot is de Soendasclio benaniing, voor hetgeen wij noemen een winkelhaak. Do .lavaansolie honaniing is j'i i.u ^

letterlijk : kikvorschhek.

§ 144. Geen ander fniK^tie heeft hot ook, waar het teruggegeven moot worden mot voor den duur van, ten bedrage van, ter hoeveelheid van, ter

1» )quot;)/-' (T . quot;)

tjrOOlt' V(in , CIV/. nV. v ) trn m n tui? IJ 'Ui u i? oa? *~n hn è k i ij (Lii j .h n»i i- ifj\ nO(J voo/' damp;it duur ran hoer cc f daf/cu, da! dc .stoelen klaar zijn, (Li. met h oercel dagen zullen de stoelen klaar zijut Een ander voorbeeld geeft ons Sp. d. .T. bi. 84, 6 r. Een voorbeeld, waar liet te vertalen is met ten bedrage van hebben wij in deze uitdrukking, mj i^fj ' i ' gt; gt;y gt;

.hij i:n m ik vraag geld te leen, ten bedrage van de waarde van

een paar laarzen, d. i. ten bedrage van hetgeen een paar laarzen kosten. Den zin van ter hoeveelheid van heeft het aanhechtsel bv. in i.u i.nj

i^li i.nhn/t,ip ter hoeveelheid van een weinig je, d. i. een weinigjt, van i.n,p een weinig, een beetje. Bv. Sp. d. .1 bl. 45 , 7 r. amnquot; nitj

o quot;» o o - O ^ ^ O « ^

l,l gt;! i'l m ' L.gt;[ Lij i i gt; I n hl,j\ hii f I Kt) J-^i2 (ISll huj^j^ftuiiutu^lj^ Tïiaai

ats ge ooft vindt, moet ge mij een weinig je zenden. Desgelijks Gesch. v. Soepëna, bl. 1 l, 17 r. v. o.

§ 145. Eindelijk wordt hot werkwoord of het als zoodanig optredende woord ook zeer dikwijls voorzien van dit aanhechtsel, waar gesproken wordt van een derde. rlot iemand van hemzelf sprekende, oi welsprekende van zich zelf, bezigt men het niet. Zie ook § 14G. \ oorts wordt het suffix, geheel in overeenstemming mot don zin daarvan, slechts gevoegd achter zulke werkwoorden. waarmee een gesteldheid wordt bet eek end. Als voorbeelden mogen dienen.- Gesch. van Abd. en Abd. bl. 141, 5 r. v. o. u-d r:nii»;ni»n^ van verzadigd zijn; U\. 149, 9 r. v. o. jjqvni.'hi/Mji

van gt;(ui/ni\ weten; id. bl. 157, 8 r. *s?\ gt;i c]gt; van nQ-gt;i\ zekerheid hebben

-ocr page 77-

§ UET AANHECHTSEL h,^ EX DAARMEE GEVORMDE WOORDEN. 65

aangaande iets ; bp. d. J. 1)1. 34, 5 r. gt;■ n ' ^ in i -1 i j' vjlïi ^ n uj m \ in ittiKit ot li IJ huKjtt zijn tot lots j id. bl. 40, 6 r. v. u. i :n j^i 1,1 y \ van (:// iki\ kunnt-n; Kitab Uongeng n. a. bl. 7, 4 r. tv,£n.uimij, van «jioms decr-nis 7ic/jIjcii ; Gesch. v. Kapitein Marion bl. 5, 4 r. v. o. unn ijtni i.il/m van en dit van mi ij mtunji\ schrikken; enz.

§ 14G. Een uitzondering op het hierboven gezegde, dat, sprekende van zich zelf, het aanhechtsel niet wordt gebezigd, maakt a^hi-n^ verloroi /nhlcn, kwijl geraakt zijn, kwijl zijn, van verhezen, kwijtraken.

/joo, Gesch. \. Abd. en Abd. bl. 131, 1. r. iut j,j )■ n /7ty ij11 M ixKtnvi Situfls nu hen ik Iwec zakken yeld kwijt; en Gesch. v. Soepena, bl. 63, 6 r. ï j ui ivi:i':jgt; i:i,ui O^riKi/ i n iij i nt.iii! i n i\ om reden ik mijn kind, yenaam d Hat na Kumala, kwijl hm.

It oorden, yevormd met hehutp ran het vuorvoeysel iu\

§ 147. Een zeer belangrijke wijze van woordvorming in het Soendasch is die, welke geschiedt met behulp van het voorvoegsel .viw

In de eerste plaats worden er substantieven meê gevormd, en wel van grondwoorden zoomede van eenvoudige werkwoorden, waarbij valt op te merken, dat, begint lieT grondwoord met een ojv (leze zich vereenigt met den klank \«ui liot voorvoegsel, ^oo 1)V. Hji!^ udfj\ vjin l'jii ver-

der, dat als een grondwoord, waarvan de beginletter de i.» is, het voorvoegsel krijgt, gezegde beginletter mi in de i-i verandert, terwijl het voorvoegsel dan ook nog met den keelneusklank ng wordt gesloten, en dus ii^i wordt. Zoo bv. van i.ii.lgt;ixigt;\ n/ai/t, inagtiy, veriiiogend: iCiici.ui^i\ mayt, vennoyen.

§ 14S. De gevallen, waarin aan een woord, dat reeds een substantief is, toch nog het voorvoegsel wordt gegeven, zijn zeldzaam. Een er van is hoojdylaat*, tand, rijk, wiuirvan l/ i,i in n of ,»_ƒ j.j ni nw Dit laatste eigenlijk een Javanisme, komt wel voor in het opschrift van brieven, en onderscheidt zich daarin van dat het altijd gevolgd wordt door den

naam van de hoofdplaats, het land of het rijk, zoodat het altijd in bepaalden zin voorkomt. Een ander voorbeeld hebben wij in iLiiKn iugt;^\veerman, veerlieden aan een overvaart, van t:nni.i\ dat ongebruikelijk, maar hetzelfde is als uiiu{\ lietgeen roeiriem beteekent. Vermelding verdienen ook, het. van my/M werk, arbeid enz. gevormde, dienstpUglige,

door het dorpshoofd verstrekt; ook dier, dat voor den veldarheid wordt yr-hrnikt, ptoegheest; zoomede het insgelijks van m i/ * i gevormde u i m ij i!i\ werk, werken, daden, hedrijf. Het voorvoegsel (Ca van dit laatsle is ni(!ts anders d.'in het voorvoegsel m met een piingnjëtjek gesloten, eu zoo /ijn

-ocr page 78-

00 WOOUDEN, GEVORMD MKT BEIlULl' VAN' HET VOOKVOEGSEL .lis § 1 19.

Mm I/ I I en lüimir/.i i eigenlijk ilezellde woorden , «He echter ilnor liet spraiik-jjcbruik verseiiillende lieteekenissen hebben gekregen. Dit l)lijki ook nit liet .lavaanscli, waarin vt inn ui en aji.mi/ vi l)eide beteekenen; iemands daad, hedrijf enz. quot;).

§ 149. Ziehier eenigc voorbeelden van substantieven, gevormd met. behulp van het praetis. njinitiwN M verzoeken, verzoek, van ■i/ttggs iets vragen, verzoeken; ,ui ftïnn ni/is het sterven, het overlijden, van hïnmip sterven; Mutnuip het vergelden, vergelding, van vergelden; Mtgq

i n onderstelling, meening, van i.t ^ h-i \ vermoeden; m ij ; i gt;fn\ gift, gave, van ijgeven; hnur voor iets, van ij iels huren; »a

,, i,i y Sm vuurslag, van ^ yn y ,.,i. vnnrslaan. En/. Lit. deze voorbeelden zien wij, dat zoon, met behulp van het voorvoegsel jjn van een werkwoord gevormd substantief, dikwijls overeenkomt met onzen Inlinitiet, waar wij

quot;) Dat m in n I/ Je bctcekenls kreeg vau veerman, terwijl het grondwoord n/uii? of ii ii gt;' be teekent roeiriem, en dat .(i m ij 'i gebezigd wordt voor dienstpligligc, onk vonr ploeijbeesl, terwijl het grondwoord m I/ I I eenvoudig beteekent werk, nrheiil, schijnt bij den eersten oogopslag zonderling, vooral bij vergelijking met de onbeduidende wijziging in beteekenis, die een woord zooals bv. i.i m i i door liet voorvoegsel onderging. Men zal de verklaring hierin mogen zoeken, dat ,ii i ii ili ; eigenlijk staat voor I y '■quot; ï-ï I 'lof wel e* i^ e/ i n n-i i\ waarin e; i n n 11 zooveel als iirii/j of uliLisw lie beteekenis van .I.y i. n ei i.ii n i; \ iemand, die werkt met de roeiriemen , haas van de roeiriemen, of van ^ '.n mgt;\iemand, die gaat over de roeiriemen, werd, door weglating van liet woordje i y eii of die van .ei

1

iV.n iLt gt;\\

Zoo moet ook .11771 y utv waar het gebezigd wordt voor diens/plifftige, verklaard worden, als te staan voor ik 11; 1 .ei rrnt/ ui 1 menseh voor het werk, en, waar het gebezigd wordt in den zin van ploegbeesf, als te staan voor ^i^iijnjirm y .uix heest voor hei werk. Dat woordjes als iisiihii\ e-^ ij \ irlt; ty' 1 en ji tu / \ die een zoo algemeene beteekenis hebbeu, wel eens, en van lieverlede geheel werden weggelaten, is zeer wel aannemelijk, ook daarom, dewijl dergelijke afslijting ook nn nog wel eens valt waar te nemen. Bv. voor t ij i.n i.n i n? hyj\ tuinman, tuinjomjen, zegt men in 't dagelijksch leven, niet zeldzaam, kortweg hmaniiui/i \ Wat de vorming betreft van een woord, /.ooals gemeenlijk ajinnin of heilbede, men zal die

niet moeten beschonwen als te zijn geschied van i ^ (ijie vi of 't-y {~i \ tjehed, maar men zal in dit woord moeten zien liet Javaansche woord » ;n dal gevormd

werd van liet werkwoord ^ n bidden. Van dit laatste is liet grondwoord

rj 1.1 f »:» n gebed.

-ocr page 79-

§ I 50. WUOÜDKN, OEVOKMU MET UEIIULP VAN HET VOOItVOCGSEI, mm 67

(lien, mot voorvoeging van het lidwoord, als een zelfstandig naaniwoord ge-brniken. ook wel met een op den uitgang huj eindigend substantief.

§ 150. \oorts is wel de beteekenis: persoon of zaak, dienende tot hetgeen door het yrondwoord wordt heteel-end. Zoo bv. van ah^'ns aaneen draagstok dm gen: iV, x persoon, om iets op die wijze te transporteeren; van .lt;» ,.m Inndhomoeu: m.lnms Uwdhomcopzi/jter; van iukuopena, ,1,het ijeld, dat dient om iels te koopen; van ^,r slaan, lui^umniu^

iets, dat dient om mee te staan, knuppel, zweep, enz.; van „■/!lt;,ym,7 .Tav. zva. Sd. m aan een draagstok dragen: onderhal!-, hindhalk;

van vogels rangen, wet behulp van een pamikat: mlok

vogel, ook de kooi wet den lokvogel; van . ruiken: ,/m ook wel

' lt;•/

'1N oiikrle maal is do zin ook aan/eldmtj of oor zaal- lot het'

geen het werkwoord heteekent. I!v. het van iPym/j. vertrekken gevormde lÜ7:n£lL,l,) (§ 153) dat men vindt Gescli. v. Abd.'en Abd. bi. 109, 3 r. be-teekent daar: aanleiding tot hel vertrekken.

§ 151. Voorzien vim het voorvoegsel ms waarover later, kan de bo-teekenis mede wezen een uitgestrektheid of duur. Zoo bv.

een afstand, gelijk aan dien, waarop men iemand kan heroepen ,\{in a.j^uy.np roepen; een afstand, gelijk aan dien. ran een worp wet een talhout,

van On gooijen, swijten met een stuk hout of iets van hout. [11 deze beteekenis van uitgestrektheid of duur, wordt het suffix an oefc nog wel aangehecht, bv. ,.,p (§ 152) een duur van tijd, henoodigd voor het

rooken tan een inlandsche sigaar, van «?*y*p rooken; a.,*., y ,,,p

ren duur, gelijk aan den tijd, henoodigd voor het gaar worden van een pot met rijst, van 7 • ..«m rijst koken; 4.1a tt.jy, ,. , een duur, gelijk aan

den tijd, henoodigd voor eenmaal sirih eten, van i.J j/4, r sirih eten. De beide laatste benamingen hebben veelal, althans iu de Preanger, ook nog het

aanhechtsel (§ M-l1). Alzoo in genolt;mide L-uidstrisek:

- '

'hil '1' 'y j'1''1quot; ' i1 '• 'y nx

§ 152. Zeer dikwijls wordt het voorvoegsel, zonder eenige wijziging in

beteekenis voor het er meê zamengestelde woord, gesloten mei den keel-

neusklank ng, en dus (pang). Waar het werkwoord , dat hel voorvoegsel

krijgt, werd gevormd door de eerste letter van het grondwoord uit te

spreken met genoemden keelneusklank, is die overgang van 4, in

4'j ZOO goed als regel. Zoo bv. y,meening, verwoeden, van

het denkelijk achten, verwoeden, en dit van hel grondwoord 1.» .n.

Idesgelijks 4,vleitaal, van vleijen; grondvorm

Maar o. a. het. in § 150 genoemde waarnevens .ri. / .•;gt; /.c,o

l . 1 ( '/ ook 4,,ol wel 4,^ kleeding, van :ich kleeden, slrek-

ken (of bewijs, dat de regel niet constant, is. In he( ^eval, bedoeld

-ocr page 80-

G8 WOOUDEN , GKVOUMI) MET BËUULP VAN HET VOORVOEGSEI,. § 153.

aan hut slot van j l i? ^eschiodt het editor, zooals gezegd, altijd. erd liet werkwoord gevormd, door v u o r v o eg i ng van den keelneusklank ny, dan wordt het voorvoegsel als van zelf' pang. Hierbij valt eeliter O)) te merken, dat als de eerste letter van liet grondwoord een r» is, deze dikwijls in een ti overgaat. Zoo bv. ,t.; 1.1; i quot; j1' nevens m i n t gt; ~j'gt;i vwyiJJcius, van liet werk-woord uii nn}vergiffenis schenken, van het grondwoord ,1,» vergiffenis.

§ 153. Het bezigen van het voorvoegsel .l; of iü tot vorming van substantieven, heeft men ver doorgevoerd. Zoo vinden wij bv. Kitab üongeng n. a. bl. 12, 2 r. i'i i ngt;: 1 .i h ' gt;■j^ hel niet ejfel't sorteerend zijn er vnti, van het ontkennend redewoord nnfeji of ih»? e'.i effect sor

teerend, effekt sorteeren.

En Geseh. van Abd. en Abd., bl. 140, 3 r. nji i:n?\n 10\ het rijk zijn ran hem, van rijk, vermogend, rijk zijn. Op den 0 regel vindt

men andermaal tóxfnixm 10\ maar daar beteekent het de rijkste. 1'ij de funetie, die het voorvoegsel 1C1 hier heeft, t. w. om, te zamen met mx te dienen tot uitdrukking van den Superlatief, zullen wij zoo aanstonds nog een oogenblik hebben stil te staan. Vooraf dienen wij echter nog melding te maken, van een speciaal soort substantieven, met het tot iCi geworden voorvoegsel iliw Het zijn zulke, die gevormd zijn van een zoogenaamd causatief werkwoord (§ 6',) en volgg.). Zoo bv. ,1quot;; ri xj v hetgeen door een zeer voornaam persoon wordt verlangd-, wil, begeerte van zoo iemand, van wojii.ni a^i/ts iets verlangen of hegeeren, van een zeer aanzienlijke gezegd; ajiiimii a:?!/ in.p te werkstelling met de noodige leiding, (ook zva. aj) , van clI.wi i. iiiui,]\ o. a. iemand te werkstellen. \ oorts mlt;nfi]/ nf^/j\ aanwijzing ten goede, wijze lessen en wenken, van iemand het pad wijzen om vooruit te komen; t gt; 'ï tn 11J/i j\ zva. -tj t.-?gt; 1; t/ gt;■ in gt;.);7\ van i;!'n gt;11 !gt; jgt; yn\ z\'a. I,; Li i; jfti?Ook nog,( I! i J. fM 'I !■ u * in j ' h f(gven aan iemand wordt gedaan, met het doei hem wat te laten leer en, zoodat hij vooruit kan komen, van ? 1 t.n -1 ny-n? j.i j\ aan iemand wat dooi, meer bepaald wat laten leer en. Van m i.-? gt; t---1; gt; hii i a-njj gt; 1C1 --f! aQru / en autm».««.»

kunnen wederom werkwoorden worden gevormd: £ gt;«i j gt;'.u gt; Pxfn

.71 ]/ tlt;i j en ?quot;) 11 /. n 1 n (■ n 1 h 1 j-* die lu'tzf'lf{lf1 beteekenen als 111'. /1 . ?'}. JI/ :1.I J'. lt;i:i■ t]lt;^njli/xnjj en 1 i.).n 1 /1 i h 1 *'1} ®'' vorm, maar niet in beteekenis, stemmen ze overeen met de (j 7'i en volgg.) besproken werkwoorden.

§ 155. AJ verder worden, met behulp van het voorvoegsel ili of iui- gevormd sommige benamingen van rang of rangorde. Zoo bv. ajia/i^np of lt;Ci (r:^ 71 ^ . ambtelijke benaming van den hoofdpriester van een distrikt, van hoofd; ivi.tJïrrP, ambtelijke benaming van een troepshoofd (ehef van een zeker aanlnl dorpshoofilenquot;), van ilïrriï- volg. het .lav. \\dbk. kw. zva.

-ocr page 81-

§ 155. WOORDEN, GEVORMD MET BEIIUL1' VAN HET VOORVOEGSEL ui ■ 0'J

hoog, verheten; Ci n i n-i'ii j benaming voor op een nn hel jongste kind in een huisgezin. van av-nw/fs in den karemhong draqen en n^n p benaming voor hel jongste /eind.

§ 155. Met deze funetie van liet voorvoegsel , hangt zeker wel die za-men, om, terwijl het woord ook nog krijgt het aanhechtsel im\ waarover later, aan hetgeen met dat woord gezegd wordt, het karakter te geven van een alles overtretl'enden trap of graad, m. a. w. om te dienen tot uitdrukking van een Superlatief. Zoo bv. aji m itui m \ de grootste, van m tj ui \ groot; ,tquot;iiy n de schoonste, van kh ^ ij ,1.1,7 goed er uitzien, schoon, van een jongeling, knaap of man; üt mfnii tn\ de allerslechtste, van au?^ ^ slecht, hoos; Üvn tjioKn de Leste, van JII Ij i*i\ goed; LI rtt! I - I an\ de gemakkelijkste, van m 1 '1 • gemakkelijk. Opmerkelijk is de uitdrukking h^ t'ix.i i;i\ n/nmner een in zeker opzigt, dt haas der bazen. Bv. ut^tsn

1, i j h u 1^ 111 { t.j ingt;\\ Ant\V. ' i ^ \ } i h! 11111 gt;. rp : 1: ! 1 ^ \ r . 111 Ij IJl' ).£ 11 117,,\.......

is hij nimmer een. Zie ook Hoofdstuk Hezitlelijke voornaamwoorden.

15G. Heelt het Soendasch zoo voor den Superlatief een grammatischcn vorm, het bezit dien niet voor den Comparatief en Exeessief. Men kan een Comparatief echter uitdrukken, met behulp van het woordje 1 y ^ gt; \ s. li. dat o. a. te horen gmin, meer, Ijcteekent. Zoo kan t y

1 ■) u j gt; ij den zin liebben van ons mooier, terwijl 1 il * iv ij ta en , ï gt; ;*y i.ir-kunnen beteekenen tjeter. Maar omtrent dit laatste moet opgemerkt worden, dat men liet ook bezigt, waar wij hel leut zeggen. Bv. fresch. v. Abd. en Abd. bi. ;51 , 7 r. en Sj). d. J. bi li!), 1 r. v. o. De uitdrukking (Sp. d. .1. bl. 133, 'A r. v. o.).- rnti.ljij'iljni/i/ n is te vertalen met; hoe /anger hoe /ee/ijkcr.

Een Excessief of overmatige trap wordt uitgedrukt, met behulp van het woordje in# ,'it\ dat te vertalen is met Ie of al te of wel orermatig of hocenmate. Zoo bv. .mnw kin t'n \ te groot, overgroot, te dik, al ie dik. Soms heeft thixn den zin van zeer of zeer teel, zoo kan bv. iuiuin/rn bi'tei'kcncn te lang, al te lang (duur van tijd), maar ook (bv. Sp. d. .1. bl. Uil, 7 r.) zeer lang,//eet lang. Desgelijks ! 1quot;? gt; \ te haastig , orer-haast, maar ook (bv. Gesch. v. Soepena bl. 27 , IS r. v. o.) zeer reet haast he/i/jeii. Een enkele maal wordt iln/.i'n wel eens gevoegd voor het woord, waarbij liet behoort. Een voorbeeld vindt men Sp. d. .). bl. 11;!, r. I. Nog merken wij op, dat .Lu/: n insgelijks wordt gebezigd om dat, waarbij het wordt gevoegd , te doen uitkomen in den zin, of wel om daarop met nadruk te wijzen, liet is dan een nadruks- of vers te- rk i ngs-w 00 ril j e , soms slechts terug te geven door den nadruk , soms vertaalbaar. Zoo bijv. Sp. d. J. bl. 3,7 r. quot;jj'' ' n quot;quot;quot;'/1 ^ ;i n *dat i.i toch gehee/anders, waarvoor wij in dit geval zeggen: maar dal is een geheel verkeerde optalling.

-ocr page 82-

70 WOOUDEN, GEVORMD MET HEIIUU' VAN HET VOOUVOEGSEt, i /N § 157.

/ ulsln-H is ook dikwijls ecu goedo vortaling, voonil bij een outkcimlug. I!v. j mi [Ju rii * /«'(! ielnunjt mij rohtreii niet, of ik wil vohtrvkt uii'l.

j 157. Na deze kleine uilweiding, die wij uns veroorloofden , ten einde do zoogen,iinnde trappen van v e rge l ij k i ng niet afzonderlijk to inoeten besi])ieken, en waarbij enkele opmerkingen omtrent bet spraakgebruik van liet woordje ifciiM-n* niet mogten ontbreken, behooreu wij ten slotte nog melding te maken van verkwoorden, gevormd met hehtdp rnv het voorvoegsel ii i Van deze werkwoorden is bet eigenaardige dat ze altijd iets zeggen van meer dan een persoon of zaak. Die personen of zaken knuneu in de voorstelling zijn vereeuigd of nevens elkaar gesteld , zoodat van beide of van alle t e g e 1 ij k wordt gesproken , het kan ook zijn dat er gesproken wordt van een van die personen of zaken , in betrekking tot de andere of de anderen. Zoo dienen zij tot uitdrukking van een of a n d e r ges t e ld-beid, ook wel van een o v er-en-w e ê r, een wederkeerig of cl kan-der doen. Ken wedijverend doen, kunnen zij ook beteekeuen. Omtrent, de vorming valt op te merken, dat ze gesebiedt van grondwoorden, welke laatste ook wel eens herhaald worden. Zie bier eenige voorbeelden. i y m m^ duvr elkander neêriiggen, van slapeuden, lijken op een slagveld, enz. van

ongebr. iui rij!). j i.nj aan ren hoop liggen , van ongein'.; van elkaar verwijderd, ver o( verwijderd van iemand, van

I-- ' ^' ver, verre verwijderd; ii i y gt; y i y gt;■ y - van twee otquot; drie personen: e/kaur omvatten, omarmen, staande of met gekruiste beenen zittende, en voorts zóo, dat hun hoofden, doordien de een zijn hoofd legt op den schouder van een ander, elkaar raken of nagenoeg raken, van -'quot;yy» vnnrhaurd, he,slaande uit drie stukken steen of jiisangstam, waar het vuur tu-sehen ligt en de pot of ketel wordt opgezet; m y tegen elkaar

stooten. tegen elkaar aanslaan , van flessehen, kannen eu derg. van 'l i n i ii ' i. ii ƒ. een klanknabootsing ; .11 i i 111 i i 11 m over en weer sla bezigen, van daar: elkaar uitschelden , van sia, J'J ; 11 iiii^ i. n /1^1. n j tegen elkaar aanlunzen , van gt;' '*1 j oorspronkelijk zeker een klanknabootsing; ,1,1111 ,i?; iVi \ weilijveren in mooi gekleed zijn , ook in, fatterig ol kwasterig zijn, van ,igt;Y?gt;\ muoi gekleed, ook fatterig , kwasterig.

IVoorden, gevormd met hehnlp can het voor c o eg s e l ,1« en het a, a n h echt s el ö^-» in:j \\

§ 15S. Behoudens ecu paar uitzonderingen zijn lt;le/.e substantieven. Omtrent de vorming merken wij op, dat die , behalve van stam- ol grondwoorden, waaronder ooi; zulke, die reeds zilfstandige naamwoorden zijn, ook geschiedt van werkwoorden met den neusklank , welke laatste behou-

-ocr page 83-

§ 159. WOORDEN, OEVOTIMD HET MEUUI.I' VAN HET VOOHVOr.SEL. Ll. EX/,. 71

don blijft. Wat de bctoekenis l)Ctrei't, dc/.o is vooreerst, zeer dikwijls: een planl.s, Ijesteiiid voor hetgeen dour hel woord, icanmni de vorminy geschiedde, wordt heleekend, ofwel waar wen dal vindt. liv. 111 ■! i. ï» i in.ii\ l'wee/ifjeddmg, van rn ia ^ zaaipare; i-ii gt; hi ?u gt;■gt; j plaotn, wuur rnrn overnacht, van overnachten; ovenaartplaals, van

i'i'ii water orerttekeu; * iKjy gt;schuilplaats, van .i n^\ -ich verscludleti; 11 i y 'quot;i ' i hi j ^hierin ,0 voor n i 0 152) hallingsoord, van ni yi iN iemand verhannen-, .m.j ƒ «iiojx plaats, waar hien het Soendasch

vindt, de Snendalanden , van iii.n Soendasch: li ii i, i a-ii \ en dit voor .i lt;

f(,i ' .

gt;1 ui mtnI plaats, waar men een veryezigt heeft, of wel: plaats, waar het open, zonder hosch of der ff. is: naam van een plants in het liantainsche, van i/ ui m, een veryezigt hehhen-, ook open zonder hosch of derg. van een stuk grond.

Ten anderen wordt er niet minder dikwijls door beteekend: iets, wat voor iets hestemd is, voor iets wordt (jvhrnikt, bv. .m j i j i i m.p tjidkleedjc, v an a ^ i:j i i.p aanhiddend zich neirlmigeii voor God: a i i ngt;.71 i-n mp iets. wat om iemand eer te f/etooneu, wordt gedaan ^ da ar gesteld, bv. een een-poort, van 1 n 1 :i 1 a 'j ■ eer, verheiajzen; ii '• 1111 ?-) ƒ (hier is de oe met an tot on zaaingesniolten (verg. ^ 132), benaming van zekere, thans afgeschafte, he-tasting, zoogenaamd ten hehoeve van het schoon honden der li/nrldplnatsen, van gt;•gt; 1 ^ t/ez'/i/i: i'i-iÏiii * 11 _ i.m j (bier im j \ voor 11 ( ^ 152), vla/'l'e steeu, waarop iets fijngewreven wordt, van n njnu.ip iets, bv. geneesniiddelen, fijnmrijve». Een derde beteek(Mtis is.- persoon, als het voorwerp van iets, ook wel persoon , met iets werkzaam. 15v. ah ai a j n 1 .■ 1 gt; 1 ƒ ^ hij, die gediend wordt, een betiteling van den regent, van i j / ƒ nn dienen: 11^ 11 *1'''j en a-ihi gt;1/1.1.1 m p vraagt/aal', van .manj en i.ii gt; 11 ij vragen; 11 ■ 1 i.n; \ ook; hij, hij wint men zijn intrek nam, hij «ie» men logeert, de heer des huizes, van iiiilhiip zijn intrek nemen, togeeren bij iemand; jager,

met een geweer tot wapen, van ui i'n\ jagen met een iff in Q/eweer, vidg. somm. bep. een, geweer met een vuursteen).

Ken andere beteekenis is nog: een tijd of tijdstip. Zoo bv. .11 1 m gt; 111,1 aanstaaude maand, ook de eerste dagen van de maand, het heg in der maand, van m'i tnnip lietgcen zal moeten beteekenen zich vertoonen, verschijnen, van de maan, voor het eerst na donkere maan. liet grondwoord ah rm ■mp beteekenl: zigthaar, van di' maan, voor liet eerst na donkere maan.

§ 15it. Ken zeker aantal der, met bebulp van bet voorvoegsel 1, en het aanlieebtsel ó^taap gevormde woorden hebben beteekenissen, die niet te brengen /.ijn tot de in de vorige § opgenoemde. Zoo bv, aji 1 ^ ly.j nip geslacht, generatie, van 1 y gt;jinp naar heneden kamena 1 / ; 1 'i u i.ip vergadering, verzameling van menselien, van bel Arab. djoemou,

-ocr page 84-

2 WOORDEN , GEVORMD MET BEIIUU' VAN HET VOORVOEGSEL lm ENZ, § l()ü

coll meerv. van r menigte, vergadering; ooymerk, bedoeling,

van iuikn dat dezelfde beteekenis heeft., maar met minder bepaalden zin. Enz.

§ 160. Een paar zijn er ook, die, hoewel ze in vorm geheel overeenstemmen met de andere, toch niet als substantieven kunnen worden opgevat. Zoo bv. van uoij aan le zuiveren zijn, onaangezidterd zijn: luisijtm

t,)i }.i j dat hetzelfde moet beteekenen, en dus niet beteekent: tcal

iio(j aan te zuiveren is, geld, dat nog aan te zuiveren is. Daarvoor zegt men . o i).. to

(Uj. O LU - I lt; ^ 111 hll hlfiW j)\ . 1U LI ? .IC} hll Dl { h 1,-/1 .li ^ IJ}^ 30 i LI ,hll ^ 111

hpiv/iii\ vader zendt mij om ü le vragen om hel geld, dat nog le heloden hlecf. Ook het van i.^ti^rujf\ bij een, lij elkaar , gevormde

dat wij o. a. vinden Elmoe Njawah pada 3, kan geen substantief zijn, maar moet beteekenen: zamengaren, zamenrapen, hij elkaar brengen. De aangehaalde plaats heeft lt; u? ih n.i gt;lt; n j i gt; en vermits i 'n / hier

dient, om in een zin een verleden deelwoord te vormen, zoo beteekent i n f Ki iui hn ii nt/]\ zamengegaard, hij elkaar gehragl. Dat is ook de beteekenis in dit voorbeeld: ;^7i ia n / in m' .m wi / ■/ gt; in hoe komt ge veel ijeld te hebben? Antw. n in t hi ,j i /. ij it1 1 ?,•) t j ijy).utjj\

zamengegaard geld, de opbrengst van hel een en ander. In dit voorbeeld:

i :t hi r iPi .Lin ~ m. ii ; i. i ? i; gt;,)). x i) til ]i i n r \ ïi j; ■gt;) /, i Lu gt; i tri \ n adem aal hel gt;'l l l tquot;, I 1 lt;o

zamengegaard geld is, is het alles door elkaar, zilver en koper, staat m i.y /r,i -j wj] voor i n/ til ri t.y .11. i I.i j \ Insgelijks in dit fNi\ J / III Ijn nI.t ugt; I tl i n l i ij i ) .' \\ Antw. 11 gt;. y .m , ƒ m ^ . ij i l i 11 i.i / ij i n ^ w De opvatting van u /■ y tiVi'quot;1? !l's werkwoord, wordt ook bevestigd door de verklaring van den inlander. Volgens hem, is namelijk li i.y n ^ zvti. i.tii.i^ n^njjjs dat een, door middel van redupliratie of herhaling van deneersten medeklinker van i. y ; i^nij gevormd werkwoord is. liet beteekent hij elkaar brengen, zamengaren.

Een derde voorbeeld hebben wij in m i i ui van het Jav. alit (in lt;t;

'Lnj) kletn. Ook dit t'.i 111ii i(y '''7 is geen substantiet; dt^ beteekenissen vindt men in het woordenboek. Als plaatsen, lot staving van die betee-

l ■ , • ('V .I'). . '1

Kenissen , moiren duinen.- i. n i.i, 11 -//. i iii 11 n n u i. /1 n \ na m i n i.n hji- ' i 'j

/ ^ quot; '-e ^

\ i i . I ï 1. «T ; •)

tj m\\ Aleile: mi\ i 111 n i ftir' / n 1 n i lit hl ij tl ij hu ^ \ ii ij i n nrrnc-.ijitm

l i i i ' i,^ n r i J w Ook nog ij i i ij 111 \ n.j tvi { a.! I J. » j .M ju apt afijjw

ïen slotte noemen wij hier ook nog het, in het Buitenzorgsehe gebr. ,n

i. i ij 11 l i,/ van ik .1 y in het Jav. en Mal. benaming van een soort lijm. Het

wordt gebezigd als een synoniem, van het hierboven besproken ,i i i.ii : i . i i^i

i,ii\ zamengaren, bij elkaar brengen, de eigenlijke beteekenis zal moeten zijn.-

zamenlijmen. Kvenzoo als wij boven opgemerkt hebben, waar .lii.y i i .^ n;

i i j stond voor i ;i^ i.j.i.ii.y/i ^i^ii.i^ staat ili i.i^ n jo/j voor i :iim 11 i v i y

in lt;Iit voorb(;eId: IK 11 li |7| .M 1.11 ii 111 m ^ ' 1111 ■^■I; i wa.ar van

-ocr page 85-

§ 161. WOOKDEN, OKVOBMI) MET BEHUI.1' VAN HET VOORVOEOSEL m v 73

daan zijn deze menschen, ze zijn zeer talrijk? Antw. u in vn in we-\ ze zijn (van verschillende plaatsen) hijeengebrayt.

Woorden, tjeoormd met behulp van hel voorvoeysel iuiw

§ 101. Worden met het voorvoegsel /gt;_;gt; nevens substantieven, ook andere woorden gevormd, dit geschiedt insgelijks, en doorgaans van grondwoorden, niet behulp van het voorvoegsel nSv dat wel een verfijnde vorm van ui schijnt te wezen. Wat de beteekenis der met gevormde woorden betreft, in het bijzonder moet opgemerkt worden, dat die woorden altijd een bepaalden zin hebben. Zie hier eenige voorbeelden van substantieven: ui 111 li i.i] zendiny, opdrayl, i)V. in deze uitdrukking: i-? i ; f i

c^~ v '—' ' «

n 'l i u ? i'i iip rLi i x ï i-y - j i: 1: i \ i/i hen heldtil met een opdrayt

ran den ror.il en ben drager run zijn bevel; vermaning, in zegging,

onderrijling, van J«lv- ze!l'Jen aa,1 iemand, ook: wnl dooriemaml aan

iemand gezegd wordt; ilIxvii^ of iemands zegqen in een

bepaald geval; mededeeling, vraag aan een meerdere, van ' quot;''p tva^ r'lcquot; berigl, zegt, ook wat aangeboden wordt aan een meerdere; zeggen tot een meerdere; uinii'n gegraven en vervolgens overdekten kuil, om een dier er in le doen storten en zoo te rangen, tig. 'cnil, dien men iemand graaft, van nj iji\ Jav. kuil, gal in den grond; lij en .i?i mi i'u hulp, bijstand in een bepaald geval, uitredding, van ''['ip hulp, bijstand, enz.

§ 102. De bepaalde zin, waarvan we zooeven zeiden, dat die was een kenmerk der woorden, gevormd met behulp van cm is ook niet te miskennen bij sommige uitdrukkingen, die er uitzien als substantieven, doeh zulks inderdaad niet zijn. Ze beteekenen namelijk: ten opzigte van hetgeen door hel grondwoord wordt uitgedrukt, zekere bepaalde geaardheid, zekeren karaktertrek hebben of bezitten. Zoo bv. van i n i. n my eten, voedsel: ii.i i ii I. ii .h ijj\ in tjeen geval zijn eten er aangeven, voor niets zijn eten in den steek willen laten; van ij mi gekookte rijst: il i/i.n i.i/\ voor niets zijn rijst ^d. i. zijn eten of 'middagmaal) willen verliezen, dus zva. iui i nj.nm/iw Voorts van moeder: iu i quot;py zeer gehecht zijn aan, niet af kunnen van zijn

moeder, van een kind. Kvenzoo en met dergelijke beteektuiis: .wi gt;1«.»% van i'ii .1.1 \ vader, mj~iiÏ1i\ vtin grootvader, enz. Nog een voorbeeld is

.l i i n iii \ met zijn hart hangen aan geld of goed, en er steeds oji uit zijn om. dat te verkrijgen of hetgeen men heeft, te vermeerderen, \»\\ x u uisgoed, geld, ijeld en goed. Ook nog Cu-- gt; i m i.^/j. den meester of de meesteres dadelijk alles gaan aanbrengen, van i j m ui mq-, meester, meesteres.

§ 103. Van de in § 101 bedoelde siibstantieven kunnen op de gewone wijze werkwoorden worden gevormd. Bv. van nji.i i ,■ i.^ quot;17 en ilii.-i i

-ocr page 86-

7 t «OORDEN, OEVORMB MET HEIIULl' VAN HEI' VOORVOEOSEI- iu\\ § IG3.

voornlel, propositie, rnad, hooft men do werkwoorden P) gt;4 11 .j 011 Pui li iinj^ oon zaak hesprekcu, over ii^ts (oiin bepauldo zaak) beraadslagen ol

raad honden. Eon werkwoord van donzolfdon aard, hoowol Pi.ij i'igt; on ,11

f-

j.i 1 gt; hoogst waarsehijnlijk ontbroken 1), is : ] 1 -/ ;i gt; s. !t, o/vv iemand

(oen liep, persoon) sprei-en, vooral in ongunstigon zin, iets (oen bepaalde zaak) bespreken. Zoo ook Pi i. n .11 .i_i j iemand (een bepaald persoon) lot vrouw hegeeren, in oon zekere vrouw ol' in iots, bv. een paard, zii hehben, van .i-7/. 11 iji li 1 dat begeerte of verlangen, .net betrekking tot een bepaald persoon of bepaalde zaak, zal moeten bétèekonen, maar dat mij niet is voorgekomen.

\\ olligt boliooron ook hierbij de werkwoorden „w 1 gt;1 i.'m Pi i ,1 i i enz.

Hot eerste van deze twee boteekent: iemand (oon bepaald persoon) bi-

scJwmrcn en behandelen ats moeder, moeder noemen; het tweede: iemand

(oen bepaald persoon) beschoniren en behandelen als rader, vader noemen.

Aangenomen dat zo regelmatig gevormd werden, en er bestaat geen reden

zulks te betwijfelen, dan gosohiodde die vorminu' van ;P i n ui en Pi 1 n 11 s

-1.1

l)it moeten substantieven zijn. en zijn dus ilit Phiih'i ondil Pi 1 gt;1 11 wel te 011-derslt;'heiden van de uitdrukkingen «Irnpi en .Pnimui in de vorige f besproken.

Kvenzoo moet het ,Pi:i^-n tnmq waarvan het werkwoord /ii.-j-n »iihi,f\ iemand als meester [meesteres) heschonwen en , wel ondorseheiden

worden van do insgelijks in do vorige § voriiK-lde uitilrnkking P i-j n ,,11.11 ■ Dat do uitdrukkingen 1111 gt; i'y ij i n 11 en ($ 1'j2) gt't^n

verband houden, met de werkwoorden Piriihi\ Pin 11 en Pij mimijfK kan trouwens al dadelijk opgemaakt worden uit do belangrijk versohillende beteekeiiissen.

Was liet hier sloehts een kwestie van uitspraak met den neusklank , dan zouden die beteekeiiissen niet zoo uit elkaar kunnen loopen.

Dergelijke werkwoorden als / i n hI^ 1 i:n 11 en : t t.-j n tnmj zijn ook P gt;i.i,rgt;\ iemand als zijn rorst of vorstin eeren en behandelen, zoomode .-P iijn\ iemand als vijand behandelen. Zo komen voor in do- spreekwijze:

quot;» O gt; O TO O quot;) ) O O /

j_ •lt; »1 tn Kni:nri\ {^ i n i.ngt; i «•gt;»» igt; n j /.» 1.1 *11 i£\ ;_•; n itt/ ij n 1:1 i i ri / /; w

In het Supplement op het wdbk. vindt men onder t,i,.». do boteokonis van deze uitdrukking.

Ook zal er toe gebragt moeten worden ipip ift/\ iemand nemen, hebben of honden tot voorwerp der gedachten, en dit voor: de gedachte}! steeds ge-rigt hebben op iemand, van dat ongebr. is, maar voorwerp der

gedachten of dat, waarop iemands gedachten gerigt zijn zal moeten botcekenon.

1

Wel natuurlijk in de Passicveu oiio-quot;*quot; en Pi Pi gt;gt;! j\ zooals van Pi 11; i y m j het Passief is i i 17 t.i i , i.m,/\\

-ocr page 87-

§ LGt. WOOllDEN, GEV. -M ET VOOR V. I I EN II KT A A XII. 'imanjj OK WEL l.ntt.iijw 7quot;)

Bij ton j,}/\ dut het grondwoord is, vindt men in lu^t, Suppl. wdbk. een voorbeeld.

IFoordeu, (jmurmd mfl het voorvoegsel /; lt;•« het aanher. h tnet i-ijri/j of Wol n.iujnjw

§ 16 !•. Een werkelijk ondersolicid tusschen dc woorden, die met il en /]\ en zulke, die met 11 r.n j^inq (§ 158 en volgg.) worden ge

vormd, l)estaat niet. Zoo lieteekenen bv. aJ gt;q: gt;;injj en .li l uup beide gevormd van quot;'f'y lletzellde, t. w. hertjstreeh, Lergstrekegt;i,

gebergte. Het eerste vindt men o. a. S]). d. .1. bl. 140, r. 5 en het tweede, in ij'ti i i gt;gt;£ aldaar lil, 139, r. 5 v. o. In j)l. v. i ; »y i'i nj,ïj\

heelt de Ijarios Samaoen r; 'gt; 11 ] '/ 'gt; -t' gt; ■ tii t j ■■ zoo leest uien

daar, i m ij ■ -i iï] i ^ jy r i gt;, i j Sdvtcioeti zrif/c, //■ /. ni 'leiuoud uit het gehergte. Van i j // \ dor]), is gevormd .lj ij ! i n mf het land, het dorjislaud of dc dorpsla aden, in tegenstelling met dc hoofdplaats; ook zva. gt; y/Jx dorp. liet zelfde zou beteekend worden met virj* i-mof maar dit is mi eenmaal niet de gebruikelijke vorm. *)

Van sommige met i] en j^,i gevormde woorden kan op de gewone wijze, namelijk door de beginletter uit te spreken met den overeenkom-stigen neusklank, een werkwoord gevormd worden.

§ 105. Zagen wij in § 153, dat er enkele substantieven zijn, gevormd met behulp van het voorvoegsel Ti en liet aanhechtsel i.iigt; mj een paar zijn er ook met u en in* j.;^ \ iLen er van is .il i ij i n r n gt; my dat uien o. a. vindt Geseh. van Abd. en Abil., bl. 51, 5 r. v. o. liet is gevormd van j'//.iii schuld iu geld of goed, en beteekent.- iaschuld; mat niea te rorderea of aitttaande heef/. Volgens sommigen is in deze zelfde beteeke-nis ook in gebruik .ij lt; y i'nw Van m ' 'I ' quot; ' ''11 ^evoriiiil het werkwoord /1 iijtyii i.nf i,i j\ geld of goed leeaen aan iemand, iets op credict gevea aan iemand.

// oorden, gevormd met tjehiilii run het voorvoegsel, i ! en het (ifiuhechtsel ■!gt; .in j

§ 16(1. Omtrent de vorming der substantieven, die het voorvoegsel «S en het aaidieehtse.l heblien, merken wij op, dat die vorming niet

-ocr page 88-

7G WOORDEN GEVOttMI) MET UEIIULP VAN HET VOORVOEGSEL .3 ENZ §107.

uitsluitciul pliiats heei't van gromhvoonli.-n, maar ook van zulke woonlon, die, met bcluilp van liet voorvoegsel mi x cl'wel met dat voorvoegsel en het a an hecli t s el werden afgeleid. Een tweede opmerking is, dat de

beteekenis der met nïi en hij gevormde substantieven zeer veel overeenkomst heeft met die van de substantieven, gevormd met behulp van óSitn,] (zie § 13S en volgg-V In het algemeen wordt er namelijk mee beteekend: iemand ot iets, om te zijn of te worden, om te strekken lot of hestemd voor, ook wel om te bewerken of aan te brenyen, hetgeen door het woord, waarvan de cor-minj geschiedde, wordt beteekend. Zoo bv. (Sp. d. J. bl. -tfi, 7 r.] ij i -l n i htiöliithnit ie/s, dat zal zijn een ongeluk of onheil; ongeluk of onheil, dat dreigt of boven het hoofd hangt, van 11 ilimh ongelnk, onheil; id. bl. 71-, 2 r. v. o. c! iy rigt; tnj iets, om te zeggen, van ) -) i'i' ■ wat iemand zegt of Sjrreekt, ook zeggen; aldaar ook i}ijigt;.y unauji iets, om te strekken tot voorwendsel; voorwendsel, van i.n.ip het grondwoord vah unn i.n\ voorgeven, voorwenden; iui vi hn/ tn j' hetgeen te oogsten of te snijden is, te veldstaande rijst, van in uuhnj het grondwoord van iSr:y i:i L,ii/j rijst snijden o(oogsten; Gesch. van Soepëna, bl. ■27- 12 r. v. o. r]^ i nl_i* ki / iets, om te berig-ten of mee te deelen, van lt;^:n ilt;\ berigt; Sp. d. J. bl. 55 , 6 r. v. o.,en Gesch. v. Kapitein Marion, bl 11, 10 r. v. o. i!».» persoon of zaak,

om voor te dachten ol te vreezen, van gt; ti n hl angst, vrees en dit \ aii bang, angstig; Geseh. van Abd. en Abd. bl. 31, 0 r. .l] u n i) i M yJ ' iets of dingen, on/ winst mee te behalen, vr:iii gt;.n gt; i i ' hi winst, voordeel,

en dit van liet grondwoord .ly ih .dat dezelfde beteekenis heeft; id. lUr. ,u i n : uü

quot;l • 1

ri/inq\ iets, om zich ongerust over te maken, van /.n ? j tii\ en dit van .m ȟ\

ongerust, zich ongerust maken; Sp. d. J. bl. 92, 3 r. v. o. ,vi i'n loi i.ji la;^ iets of hetgeen is om te eten, zal dienen tot voedsel, d. i. voedingsmiddel, van .iiij.iim/)x eten, voedsel; Geseh. v. Abd. en Abd. bl. Ill), l. r. il n i ? / t gt; ni/Mp hetgeen iemand te doen staat, van ni:i-i;\ handeling, iemands vcrrijtingen.

§ l 07. Zijn de met i ien ; . i1' m,i gevormde woorden geen substantieven, dan is hun beteekenis (verg. § Wi^om , om te, bestemd voor oï wel zullen (zonden) hetgeen wordt nitgedrnkt door het woord, dat van het voor-en achtervoegsel werd voorzien. Zoo bv. Geseh. v. Soepena bl. 73, ll r. v. o. i ] .'.j il' i -i' i,i ijs om te schreijen, om tranen te storten, van .i!ii:iii/j\ srhreijen, tranen storten; Sp. d. .I. bl. 17, 3 r. ?i ih i,l iru iiyj\ om naar buiten te gaan of te komen, van iliiilt;iii,p naar buiten gaan of komen; id. 31, 2 r. v. o. ilin/i ii' lii 11/ hi i zal (znllen) niet kunnen, ook niet te kunnen , van ,i ut niet en kunnen; (iesch. van kapitein Marion bl. 17, 0 r..lih n ij/i.ip zullen (zonden) kunnen nithonden ol colhonden ;sm\ mui n juq* kunnen uithouden ; K. I'. n. a. bl. 5, r. 2 en Geseh. v. S., bl. 1, S r. 1.1 ii lt; i j- i rn' m ƒ voordeeligof nnt-

-ocr page 89-

§ 1().S. WOORDEN, OEVOUMÜ MET UEIIULI' VAN HET VOORVOEGSEL tui ENZ. 77

titj zou [zoudat) zijn , Vim li L; n )j j o( i ; hl. I .hii j nut, voordeel, uuttif/, Gescli. van Soepënii 1)1. IG, 5 r. v. o. u i.iiziajnCsjJ/ i.i/\ zal (zou) zijn hoc-daniy of hocdanuj zal (zou) zijn, van tn'ihoe., hoedaniy. Enz.

§ ICS. Hetgeen wij boven (§ 140), bij tic bespreking der met het aanhechtsel öiajiKij gevormde woorden, opmerkten, omtrent de voorvoeging van r.i)nrïchAjin bestemd voor, om, tol, geldt ook voor de woorden, gevormd met bt'hulp van ru en Vinden wij Gesch. van kapitein Marion 1)1.25,

ü r. v. o., van bout gezegd: a?» n gt;i 1 lu i 'n t:u y ui ,t 11 \ bestemd voor hetgeen zou dienen tot munten, d. i. bestemd voor lunsUiont en is iSiSi»gt;n t-iitn» «lus hier een substantief, voldoende blijkt uit de in § 1 GO opgesomde voorbeelden, dat niet noodzakelijk is, opdat een met tJ en si*?*™ gevormd

woord de beteekenis zal hebben van een substantief.

§ IG9. Nog een paar opmerkingen mogen hier een plaats vinden. De eerste is, dat een met aJ en jSumi gevormd substantief wel eens hetzelfde beteekent als het woord, waarvan de vorming geschiedde, m. a. w. dat hot voor- en aanhechtsel soms zonder invloed zijn op de beteekenis. Zoo beteekenen bv. uj-miduji (Sp. d. bl. 30, G r. v. b., id. 5it,:5 r. v. o.) zoomede unmivip beide, wensch , begeerte, verlangen, en beteekent het (linjt.vnij op 1)1. 28, 5 r, hetzelfde als UIj-ij 1:11 j namelijk voorkotnen, uiterlijk.

Een tweede opmerking is, dat een met Ci en ói^un,/ gevormd woord ook wel eens de beteekenis van een substantief kreeg, doordien het substantief, waarvan het een bepaling was, wegviel. Een voorbeeld hebben wij in het, op bl. 21, 1. r. van Kitab Dongeng n. a. te vinden, «3/1?« 'ViiJifHijw Dit beteekent namelijk (zie hierboven § 1GG): hetgeen is om te oogsten, en van daar te veldstaande pari;, maar deze beteekenis van substantief kreeg het slechts door de, trouwens gebruikelijke, weglating van het substantief Mi] gt;i\ rijst, waarvan het een bepaling was. Op de volgende bladzijde 2 r. v. I). vindt men, zooals hel eigenlijk moet wezen.-:ii y n j; ry ti iji ? iii j\ rijst om te oogsten of te oogsten rijst, d. i- te veld staande rijst.

// oorden, ijevormd met behulp ran het ronrrocgsel '11 ii ol /i\ zoomede niet hel voorvoegsel ,dji\\

§ 170. De woorden, gevormd met behulp van het voorvoegsel .11 of ii'i (in de uitspraak ook wel eens gehoord tul of nagenoeg /gt;) zijn voor

-ocr page 90-

7S WOORDEN, GEVOUMD METBEMULI' VAN UETVOOKVOECSEL EN/. § 17 1.

i'i'ii groot gedeelte ontleend aan liet Sanskriet en voor een ander gedeelte aan het Maleisch. Zoo is bv. .ly.ti n of lji.n gt;1 n zaak, aaiiyc.leyi-tilieid enz., het Sanskriet woord prakara, (jcval; gelijkheid; soort; wijze, manier; ij 111/ 111 \ in alle opziylen goed en (jeschikt; passen , behoorlijk, het Sanskriet prajoga, gebruik, aanwending; uiiim juweel, edelgesteente, het Mal. l •• ■; ,li i i ^ n gt; ij i.^i ol :i_ 1 y?' 1'/ j'(,v welbesjiraakt, wel ter taal, in het iluitenzorgsche ook zva. ui mquot;- fatterig, kwasteri/j, jironkziek, en ook losbandig, liederlijk, het Mal. , •• .fatterig enz. en het Mal. losbandig.

§ 171. Bij uit het Maleiseh overgenomen substantieven, zooals bv. liet zoo even genoemde dat gevormd is van het grondwoord 1 -r.»\

oog, komt de functie van het voorvoegsel overeen met die van het voorvoegsel iu\ (§ l t7 en volgg.). Ook is dat het geval bij woorden, zooals bv. iji..- ii t n j of wel 'u iq-i~i .1111 \ strijder, krijgsman, van het Kawiwoord iq iliii,j\ oorlog, krijg.

En in de Sanskrietsche woorden wordt het voorvoegsel door den Inlander mede op een lijn gesteld met het praelix nm de eigenlijke betcekenis roor, vooruit, wordt namelijk niet door hem verstaan.

In woorden zooals bv. n 1.1n of !immi\ dat de liegent v. Ijiandjoer opgeeft als lias a of hoog woord voor 1117.^-1.11 ^1 jn j vergeving ol verschoo-ning vragen, heeft het voorvoegsel een funetie, die ons doet denken aan die van hel praelix ber in het Maleisch. Dit dient namelijk in die taal, tot het vormen van zoogenaamde toestandswoorden, zooals bv, van telandjang, naakt, bërtëlandjang, naakt zijn en van bagoes schoon, berba-goes schoon zijn. \ ;in ol lW.j1 1-1 is het grondwoord ikujj ol tt.in\

het Sanskriet satija, dat insgelijks in het Javaansch *3/^01 ïm i)

en Maleisch ( setija) wordt aangetroffen, in eerstgenoemde taal met de beteekenissen van qpregt, geloofwaardig; eerlijk, trouw, een heilige belofte, en in de tweede met dergelijke beteekenissen, namelijk opregt, getrouw, overeenkomst, verdrag. Vergelijkt men nu de bovengenoemde, door den Jlegent v. Tjiandjoer opgegeven betcekenis van Smm.j-d ol '.ui.]n\ met die van het Maleisehe bersëtija, getrouw enz. zijn; eeue overeenkomst of verdrag met een ander hebben of sluiten, dan schijnt het niet gewaagd, om aan te nemen, dat 2i hier dezelfde functie heeft als het Maleisehe her. Zoo zou dan, als men het grondwoord neemt in de Javaansche betcekenis van JteiUqe belofte, 'Utt.ua ol li gt; na eigenlijk bcleekenen een heilige belofte (van beterschap) hebben, d. i. die doen, van daar vergeving vragen.

§ 172. Zeer weinig in getal zijn de woorden, gevormd met behulp van

het voorvoegsel li ,\ Een er van is ?iriin ook behoort er welllgt toe

quot; ■_gt; -gt; »

ifPnin?i\ het lias a woord voor -in M ' li.' j\ eigen, zelf. at i\ eigenlijk

-ocr page 91-

11KT VOOKVOKGSEI, ki\\

heteekent, is mij onhckcnd, hct zoo even g(;iioenide, vv incr i^cvonnde .;i?iiy.wv van nn : ] \ (wn/c, (KU'dhodi'iii, ook l/nis, wordt gebezigd in dc br-Ici'krni.s van mljoorhiKj, oovspronkdijkc hcnoom'r ran hct laud^ en ook in die van (j as thee r, /'m* ^/c.v IiuIzch.

Hi t voorvoegsel v./w

§ 173. Dc Ix'tcckciiisscii van dit voorvoegsel zijn tot twee tmig-Ic ])r(^n^en. He ccrsli; is al, (jehecl, heel. Zoo bv. (icsch. v. Abd. en Abd. bl. 49, r. 1, tu t Sn\ heel dot vacht, id. Ill), 8 r. (Knatn »i\ heel de hoofdplaats \ ^j). d. .1. bl. S3, G r. v. o. djin »ƒ jlt;i\ heel het kippen lol'^ id. 133. 7 i'. v. o. (»-11 j } \\ heel het dorp. f ertaleu kan men het ook wel (Kins mot ovweeukomstiy of zoo als. Hv. Sp. d. J. bl. 28, 1) r. ver) yum in lin '/lJ'N ln'i zc^cn van dc garoeda, is aldaar te vertalen : overeeiikomstuj het zeyyen can de (jaroeda; id. bl. 153, 5 r. v. o. o iaTn^ i triM. n overeenkomstiy den last van den reyter. Andere voorbeelden vindt men Kifab hon^eng 11. a. bl. 33, 2 r.; id. 30, 5 r. en IS, 7 r. De zin i.s

ook wel cen.s zoo ol' zooveel ofwel zooveel als. I gt; v. Sp. d. .). bl. 1 1-2, Sr.//.;

c*y Q- * c j •

quot;if/ *) gt;/ quot;t! 11 li \ zoo 01 zooveel slim ook het stelen, d. i. hoe slim het

stelen ook motje geschieden^ (ieseh. van Abd. en Abd. bl. 103, 3 r v. o.

itxiïn 1. 7i / hip zoo of zooveel als lang de weg, d. i. den geheel en weg over.

Mede kan liet voorvoegsel den zin hebben van het Perfectum, bv. (Jesch.

van Abd. en Abd. bl. 105, t r. r/i 1 rwant al bereikt

onze ouderdom, d. i. want op het tijdstip, dat wij gekomen zullen zijn aan

den eindpaal van ons leven; Gesch. v. Soepèna, bl. l«2 , 1. r. nm.i'f ut

l y / i/.iciTnuïw\ ze zijn teruggekeerd, al hun huis, al hun huis; waarvoor wij zeggen: ze zijn teruggekeerd, een ieder naar zijn huis, Sp. d..l. bl. 1 15, 4 r. ik] ifn m inOJ n ilt;)\ al het vertrekken van de wed mee, d. i. nadat de weduwe was vertrok keu.

§ 171. Kvenzoo ais in hel .lavaansch en Maleisch dirnt voorts dit praefix om zamengest(ilde benamingen van hoeveelheid ie vormen, en kan het dan vertaald worden met het onbepaalde lid woord een of telwoord een, ook wel met per. Zoo bv. (ki rn i.n ki ^ een ikrt, ook per ikèt; Kt 1 j ni\ een du hieltje koper, ikkij iji n /'/ een halve duit, ook wel ee)i halve cent, KKin.intnj een jaar, ook per jaar; (Jesch. v, Abd. en Abd. bl. 117, 10 r. v. o. n.) n7u\ een vinger /diep). Ken zeker gelal zoogc-na.'iinde ronde gel allen zijn er ook mee gevormd, als voorbeelden mogen dienen: ;/ honderd: .»•;gt;ƒ n jy - duizend: .kjh/i/i in \ een millioeu:

§ 173.

-ocr page 92-

HET VOOUVOEGSËI. m\\

§ 175. Al verder dient liet tot vorming van sommige bcpal ingon van uitgestrektheid otquot; afstand, van duur of tijd, en van plaats. In § 151 noemden wij reeds een paar; andere zijn: v.i ui :oo lamj als de duur van, voor den duur van, eig. heel of al den duur van; ik) uutw 1 \ voor een oogenilik, voor een uiterst korten lijd, een oogenblik, een moment. Van de bepalingen van plaats komt voor vermelding in aanmerking : iw.is-gt;12 \ binnen, in, eig. al binnen!) van t-rnn Linnen. In plaats van zegt men ook wel het I! asa woord is iKtxnifii

.Jr, 2) \ oorts mag nog hier genoemd worden dat in het.

dagelijkseh leven gebezigd wordt voor een meerdere, een hooyere, maar eigenlijk niets anders beteekent dan al hooger (in rang). De beteekenis van een meerdere of een hoogere (in rang) heeft het gekregen door de weglating van het betrekkelijk voornaamwoord \ die, waarvan het een bepaling was, zoo zegt men wel: 7 Li ; ƒ iKI^ 1.1 ? .} } f KiX/7 CtX^ XjI^ (L.11 KtJI }, y if 1 Ij hll 7ü? 1:1 jVj j\ maar hier in staat gt;■ I 'I j ' Ij gt; )gt;.}lt;: ƒ voor jy J.J ^'l ' 1} lt;!I1 behoort mitsdien de vertaling te luiden: indien ge spreekt tot die (of iemand, die) al boog is (in rang, met betrekking tot u) d. i. indien ge spreekt tot een meerdere, dan behoort ge hooge woorden te bezigen. Een voorbeeld van 11.11 Li iUri tvindt men Sp. d. J. bl. 53, *1? r. v. o.

Andere, als bepalingen in een zin optredende, zamenstellingen met ojt\ zijn 0. a. MjCiivtiatiix vlug tig, ook in het voorbijgaan (passeerende, zonder stil te houden), van nu ui^n^ voorbijgaan, voorbijkomen; iKu n'mriis s. ki ij.ij ij. in icaarheid, in opvegtheid; gt; 1 gt; \-i' jm \ s. 11 s / ^ }lt; 1 en i~i 111 n.iwi.i ook wel u. zva. 3^11:11?,]of wel naar waarheid, overeen-

komstig de waarheid.

De laatste voorbeelden, met name m enz. hebben ook nog bet

aanhechtsel kw over dit aanhechtsel zal later gesproken worden.

§ I7ö. Begint het woord, dat het voorvoegsel krijgt, met een klinker, dan vereenigt zich die wel met het voorvoegsel, zoo heeft men bv. nevens iKiLi^iiriiiu-iji\ lt;LjijS-iangt;uj en iKidSiui/1 12ï\ na, nadat, na hel afgedaan zijn, ook iiit nif t i/j' i'i mi 11 en 11 in 111 'i. Desgelijks is 11.10 i-'j] hloedverïi'unl, gevormd van 0-1 en kind. De 1 icteckcnis van bloedt'enranl vloeit

voort uit de eigenlijke beteekenis van aftihtuiw Volgens Roorda is die

§ 175.

1

Hierin is al op te vatten als het al ia al onder of nl hoven, uitJrukkingen, tile men in ile volkstaal wel eens hoort of in daarin geschrevcii versjes aantreft.

-ocr page 93-

HET VOOltVOEGSEL t.0w

§ 177.

Sl

namelijk (jehaarde of yehoorte, zoodat m t.i i.n j waarin mi (l(! zoo aanstonds ti! noemen tweede beteekenis heeft, eigenlijk iemand con dezelfde afhounsl of (jeltoorle beteekent.

§ 177. Die tweede beteekenis van het voorvoegsel is aan het Sanskriet ontleend. Ze is die van ons met, mede, alsmede, ook \quot;m\ medegenootschap aan of gelijkheid ten opzujte van heUjeen uihjedruht wordt door het woord, dat-het voorvoegsel kreeg. Bv. Gesch. v. Abd. en Abd. bi. 173, 4 r. v. o. mi ij.Knriri uhk'\ met zijn echtgenoot en kinderen; Gesch. van Kapitein Marion, bl. 20, 2 r. n 11 n }■gt; :-i 1.1gt; n i i..j },ide luitenanl met de {zijn) soldaten; Kitab Dongeng n. a. bl. 21, 5 r. v. o. w j i n i i ^ n y'i 1.1 de A jai met zijn gezellen; Sp. d. J. bl. 37, 5 r. gt;■ y j ? i i i i i n t n .-i 11; i}/! gt; i^ moet ge medegenoot zijn aan het hittere en arm het zoete, d. i. moet ge lief en leeddeelen; id. bl. 42, 5 r. v. o. ajih~n-gt;jiui\ gelijk van gedaante, eenvormig; id. 118, 5 r. i.i ii-tim] gelijk van naam; Gesch. van Abd. en Abd., 1)1. 111, fl r. v. o. ikiluitst^ihnp hetzelfde voorkomen hehhen.

Wordt in het .Tavaansch (zie Jav. Gr. n. u. § 149), zoo'n woord met het voorvoegsel \ wel tot bepaling gevoegd bij m n iq\ een, een en dezelfde, van een en dezelfde, zoo ook in liet Soendasch. Een voorbeeld vindt men Gesch. van Soepena, bl. 57 , 13 r. v. o. aldaar gt; 'f11'711 quot;* ^'i *j' ^'1'/^ hetgeen beteekent: van dezelfde voorouders.

§ 178. Zie hier ten slotte nog een voorbeeld van zamensmelting van liet voorvoegsel, met den klinker, waarmeè het woord begint. Het is be-langnjk, met liet oog op de beteekenis, die het aldus gevormde woord door het spraakgebruik heeft gekregen. ij hebben het oog op i ' (somah). Dit is het .lavaansche woord yy echtgenoot, eig. huisgenoot, van het grondwoord ijmiri' huis. Maar in het Soendasch heeft het dezen zin niet. In die taal wordt ii.igt;.f^ (somah) gebezigd voor huisgezin, van dat deel der bevolking, dat aangeduid wordt met de benaming quot;de kleine manquot;, ook voor hoofd van zoo'n huisgezin, en ook nog voor iemand uit het volk. Met het oog op de beteekenis van huisgezin, zou men nu welligt geneigd zijn , om in het Soendasche t tn i, aan het voorvoegsel zijn eerste beteekenis toe te kennen, namelijk die van a.1, heel. Het zou dan eigenlijk beteekenen al of heel het huis en van daar huisgezin. Deze verklaring van het woord zou echter onjuist zijn. liet lijdt toch geen twijfel, of het woord ging over uit het Javaansch, en moet mitsdien de eigenlijke beteekenis ook wezen huisgenoot. De beteekenis van huisgezin moet het gekregen hebben, door het nemen van het geheel voor het deel, iets wat meer in de taal voorkomt. Bedenkt men nu verder, dat aaneen Soendasche groote voorheen toegekend was een zeker aantal huisgezinnen tot dienstpligtigen, dat van die huisgezinnen zeker in de eerste plaats de

0

-ocr page 94-

HET VOORVOEGSEL jjw

§ 179.

82

hoofden moesten uitkomen, en dat Javaansclie termen, zij het dan ook met meer ol' minder gewijzigde beteekenis, de overheerschende waren, in alles wat de administratie betrof, om niet te zoggen, dat die geheel in het Javaansch werd gevoerd, dan kan het geen verwondering wekken, dat de hoofden van zulke dienstpligtige somahs, in het begin misschien slechts om er een benaming voor te hebben, zelf ook i-11;i\ werden genoemd. En vermits nu al die somahs, huisgezinnen en hoofden van huisgezinnen, te zamen vormden het eigenlijk gezegde volk, de volksklasse, zoo lag het voorde hand, om iemand, die behoorde tot dat eigenlijk gezegde volk, tot die volksklasse, ook met de benaming aan te duiden.

liet roorroegsel 6_h\\

§ 17i). Hetgeen over dit voorvoegsel valt te zeggen, is in weinig woorden zaam te vatten. Het is een voorvoegsel, dat niets toe- of afdoet, tot den zin van het woord, dat er van wordt voorzien, ook is het gebruik er van zeer beperkt. Het zijn vooreerst sommige eenlettergrepige woordjes, die het wel eens krijgen. Zoo vindt men soms i. pi. v. van plan zijn,

willen, zullen, wel O. a. Modellen Soend. Brieven van Holle,

hl. -17 , r. v. o.

Wat jiiTjMKTifl betreft, dat een enkele maal, o. a. Gesch. v. Soepëna bl. 52, 16 r. v. o. wordt gebezigd in de plaats van het, met y n i.n.j in bc-teekenis overeenkomende ^ i:i wn,]\ dit is gevormd door den beginmedeklinker van rjiwihrnq uit te spreken met den neusklank zoodat het werd ndek of met wat gerekte uitspraak: ëndek.

§ 180. Ken ander woordje, dat het voorvoegsel wel krijgt, is mvï\ het Basa voor l» b»mn evenwel, maar. Men bezigt nevens mkïw

Het, in het Javaansch, in do spreektaal, wol gebruikelijke rvn,?r\ zva. m ri\ is in het Soondasch een Basa woord. is daar namelijk it. voor

alleenlijk, enkel, slechts.

Er zijn ook woordjes, die altijd, te minste voor zoover mij bekend, het voorvoegsol hebben. Als voorbeeld moge dienen: regeeren. heev-

schen. Men vindt liet o. a. Gesch. v. Soepëna bl. 03, 15r. v. o. Het is gevormd van ?quot;m,y en dit van de jevlochlen rand van een mand oi

derg. en in het Jav. ook tig. beheerder, bestuurder van oen land.

181. Voorts zijn sommige werkwoorden gevormd met behulp van den neusklank en het voorvoegsel j-jw Hier boven in § 45 hebben wij ze kortelijks besproken, en daarbij opgemerkt, dat deze wijze van werkwoordsvorming geen zuiver Soendasehe, maar Javaansch is. Daaraan voegen wij hier nog toe, dat bij zulke werkwoorden als en

-ocr page 95-

§ 182. HET WOORDJE l i) OK lïnw S3

ilorLT. hot voorvoegsel roor den. Soendanees ecu integreereml deel van het woord is. Dit is ook het geval met jy 'quot; j volgen mei volkomen onderwerping, ook volgeling zijn van een profeet; goed mei elkaar kunnen ; enz. Het is eigenlijk liet, van den grondvorm i y ü»; afgeleide werkwoord voorzien van hot voorvoegsel.

§ 182. In plaats van 6^ (a) vindt men ook wel gt; ,i (//«). Zoo in den aanhef van brieven, zie bv. Modellen Soend. Brieven v. Holle n f en 2 'i^i lt;quot; in /.}.] j of wel i ii /liit? gt;.? ƒ 'A m t a ik) y betcu'kent iegin, aanvang, njmAuiMji of i ii i-l ni/i.ij is soms te vertalen als werkwoord, dus met heginnen, aanvangen, soms als s ubs t a n ti e f en dus, zooals tv uniKtp met iegin of aanvang. Hot voorvoegsel wordt ook wol weggelaten, zie bv. lir. 38 en 39. *) In don vorm van ivi wordt hot in Ba sa niet zelden gebezigd voor het woord zaak, waar dit staat aan hot hoofd van een zinsnee, en wij het in de vertaling teruggeven met in zake of ter zake van. ]?v. fiesch. v. Soopëna bl. 31, 7 r. v. o. uii.J^ ^ ter zake van Nji Sëkar aroem-. Brief n 2 -Modellen, Soond. Brieven vu y i. ii lt;3ojiji i.-c n.i jm r ni ii iji \ ter zake van de groote wegen.

§ 183. Uit hetgeen wij in de bovenstaande § § omtrent het voorvoegsel of run aanteekendon, is nu gemakkelijk opto maken, waartoe het dient. En dan moet de eonclusie doze zijn, dat het tot niets anders dient, dan om, hetzij het woord wat te verlengen, hetgeen vooral geldt van eenlettergrepige woordjes, hetzij om een woord of wel oen zinsnee, tot dat einde wordt het eerste woord van die zinsnede er van voorzien, oonigzins Ie doen uitkomen.

Het woordje i n of iVi

§ 181-. Hot woordje i7ii of tVj is wederom oen Javanisme. Wij onder--scheiden een voorvoegsol en een aanheehtsol. liet i1» dat zon veelvuldig gebezigd wordtin opschriften van brieven, is oen aan w ij zond voorvoegsel van plaats, in botookonis komt het overeen met hef voorzetsel vjgt;\ in, te, op. Zoo bv. vn i.'u i n i'' y (tvvom mihi.'m die lt;ji'-

*) Zoo ook, terwijl in de opschrift en van n 17 en 40 i-i i'i rn iu dat van II 1 8 rj m voorts u 41 en 42, maar imuijn, . n 2,

11, 20, 31, :}2 en lï.'i, en .■ i li'i i?i ; n 25 en 3(1, maar ! 'I u i in ' n I ^. Genoeg om te doen zien, Jat liet voorvoegsel soms fat. en soms i v is, zoomede dat liet zonder wijziging van zin ol betcekenis van het woord wordt gebezigd. dan wel «'eg-gelaten .

G*

-ocr page 96-

HET WOOUDJE ju OK viiw

§ IS»-

St

zdcld is in of (volg. Indisch spraakgebruik) oj/ de hoofdplaats Bandoeng, i'n is de vorm van liet voorvoegsel, waar liet, zooals veelvuldig geschiedt, geplaatst wordt voor het woordje ui'yin, binnen, om zoo te zamen te heteekenen in, gedurende, tijdens. Zoo bv. Sp. d. .). bl. 13U, 'J r. Ook kan per heteekenen, bv. Handl. voor de Vischteelt bl. 4, 7 r. i.Viiji

EI ihn jnji n J)Of' jdCLV.

§ 185. Het aanhechlsel rn is eigenlijk een zamensmelting van het Javaansche voorvoegsel wi (ing), dat geheel in hel algemeen een betrekking aanduidt, met het insgelijks Javaansche aanhechtsel i^mn (C) of wel a!s liet

woord op een klinker eindigt, en waarvan een der functien is, om, behalve den zin van ons bepalend lidwoord, de betrekking te beteekenen, die wij uitdrukken met behulp van het voorzetsel van. Dit eenigzins omstandig toe te lichten, is hier onnoodig, zulks behoort te huis in do Javaansche grammatica, waarheen wij dan ook de vrijheid nemen te verwijzen. I) Voor ons doel is het voldoende hier op te merken, dat bv. liet i nuia^iï in (Sp. (1. J. bl. 17 1. r.) tnmk/j i.) m)gt;.'i Ln m ten gecolge van het uitermate droog zijn, waarvoor wij zeggen: ten gevolge van de felle droogte, voortgekomen is uit trh i i ij.yi en i ns en evenzoo hot '3'iy(Sp. d. J. bl. 115, 1 r.) de ahnagt van God, uit i.r^ i^tsnchïjnr'* Zoo ook Sp. d. J. bl. I-IS, r. 1, gt;inMde wil van God uit

§ ISG. Een ander voorbeeld, en waarin t h insgelijks moet opgevat worden in den daar straks vermelden zin, is .v.nviSïs ten gevolge van, uit, dewijl, doordien, omdat. Bv. Sp. d. J. bl. 90, 5 r., HG, C r. v. o. 117, 9 r. v. o., 119, 7 r., 121 5 r., 124, 7 r. v. o., 129 8 r. v. 0., 138 5 r. v. o. 143 r. 1 en 146 r. 6. Hot is zamengestelcl uit het Javaansche ™ m 'lgt;-p de reden er van; omdat, dewijl, en raw

De laatste der aangehaalde plaatsen heeft ,1,11,10 mmlt;hi\ niet zeldzaam is ook i.-n tm.wSi en men vindt ook i.yxm viSï~ bv. Goseli. v. Abd. en Abd. bl. 61, 6 r. v. o. Dat de Soondanezen zoo mn io of ,1.^ 2) of wel beide met ,1711 ui bezigen, moge voor oen deel zijn verklaring vinden in de zucht om veel woorden te gebruiken, het is ook oen bewijs, dat iniuiSï\ zooals trouwens niet onnatuurlijk is, met het oog op den oorsprong, voor hen oen vreemd woord gebleven is. Zoo voegen zij ook achter het Javaansche i -tm (in den mond van den Soendanoes; moengoehing), wal betreft, betreffende (0. a. Sp. d. J. bl. 91, 1 r.), nog wel eens het voorzet-

1) Jav. Gr N. tl. j '53, 3 c» § 213 en vulgg. 2j Zie Ifuofdistiik Foorzetsels en Voegwoorden.

-ocr page 97-

HET WOOKDJK i n OF wiNv

§ 187.

85

sd i,]\ dat ook in ilr Ijcteckcnis van wal hclrejl of wnl nnnynnt wordt gebruikt.

Al verder noemen wij: of o. a. Geseh. van Set ja Xala

pada 72 en Gesch. v. SoepCna, hl. 71, S r. v. o. van M 7of i.n i^ i/ m (Jav. ,,,,,, n werkelijk) en v'nw Het wordt gebezigd in den zin van het .lavaansehc grondwoord ofwel in dien van .Cu inii i- werkelijk, inderdaad. Ook nog Kiij^ihi of j.iij gt;ilt;i'i (^in den mond van den Soendanees: sarè-iiing) n adem aal, en het in dezelfde beteekenis gebezigde o ^ gt; i gt; Si of /i i/'i ; ,111 (wirèhing).

§ 187. Niette verwarren met het hierboven besproken aanhechtsel/«y, is het inff\:in het woord u .m i.n j Icind. in n ui i.lï, als men In', /.i'gl; j i},i iA, . i j m.gt; 1.1] i ij i.jIi.h n11.ij 11 ui jamp; Dit /'//y is een alkorting van het Javaansehe voornaamwoord van den eersten persoon ilriimj (ingsoen), ik, mijn, en zoo beteekent het gegeven voorbeeld; mijn kind, handel of doe toeh uiel :oo. Men beweert, dat slechts het woord ni.n.n j van dit imj wordt voorzien.

Oter de Redaplicalie en de daarmee of daarmee zoomede mei hel aanheehhel j ii.ifi (jevormde woorden.

§ 188. Ken zeer belangrijke vormverandering in het Soendasch is die, welke geschiedt door de zoogenaamde Reduplicatie, d. i, de herhalimj der eersle lel ter ran hel woord, of, waar dat een werkwoord is, gevormd door voorvoeging van den neusklank in door de herhalinti der eer,tie let Ier ran hel grondwoord. In het algemeen gesproken , wordt er een onbepaaldheid of onbestemdheid mee aangeduid, maar door de groote voorliefde der taal voor dezen vorm, kreeg een woord dien ook wel eens, of waar zulks onnoodig was, öf waar een zekere andere vorm ontbrak. Die groote voorliefde blijkt o. a. al dadelijk bij het vergelijken van sommige woorden, die het Soendasch met hel .lavaansch gemeen heeft. Zoo heeft bv. het Jav.

maar het Soendasch i ui u ! j\ voor (jnsl; het .lav. maar het Sd. 'V

voor wei/; het .lav. voor vijzel, maar het Sd. het .lav.

ki i.i^M j\ voor iels, dat onder den grond i.i her/raven, maar het Sd. iiVj het Jav. i.uj voor slinkmiiis, maar het Sd. ^ gt;) m j; is het Jav. -ri ? ij ,7i 11 h ii j ■ hul, het Sd. ■gt;gt;gt; mn^ni.np l/n'hs. sprekendi' tot een meerdere, van eigen huis of van dat van een mindere; en bezigt men in het Jav. ij ii i?i\ voor aanzegging, aauschrijring, maar in het Sd. ij ,i.i ij ti inw Ken voorbeeld, waar de Reduplicatie insgelijks slechts sierlijkheids-halve is toegepast, en ze dus als geen wijziging van beteekenis medebrengende, grammatisch onnoodig mag worden geacht, hebben wij nog in iji iiji~ijKip o. a. Oesch. van Soepena, bl. 1, 11 r. v. o. en :gt; r. v. o. id. 2, G r. v. o. Uit beteekent geheel hetzelfde als het

-ocr page 98-

OVEK DU ItEUUl'UCATIE EX/..

§ IS'J.

SC)

) / y ti«7,js dat wij insgelijks op 1)1. 1 aldaar 3 r. v. o. vinden, namelijk 'jveri/evtti, overdrnfft-u. Noi^ een voorbeeld hebben wij in )i^\ zva. ' I quot;llt; 'cit quot; quot; 'J'quot;*!- wordt voort(jezel als onthaal; onthaal, enz.

(iansch anders is het gelegen, bv. met u i~n ijim i^\ van het grondwoord ,ii ii ik beriyt, tijding. Dit is namelijk een , door middel van reduplicatie, gevormd werkwoord , het beteekent Ijerigten , kennis oï tijding geven, vertellen. liv. Cieseh. van Ab(l. en Abd. 1)1. 35 , S r. j i-n t /11 'iiquot; vu rj.vn y rn

i lt; i, n t.-j i'.j 11 in j ii ui ht rni gt; i, v (ItKiruj) keerde rader naar lingdad terug en gaf herig t aan zijn patroon, dat vader voorspoedig was geioeest. A ndere voorbeelden zijn te vinden genoemde Geseh. bl. 16!l, r. 1 en Geseh. van kapit. .Marion bl. 14,10 r.

In dit geval heeft de Redu])lieatie een belangrijke beteekenis, ze vervangt namelijk de neusletter, Kiim iii.-^ bestaat niet. Dat deze opvatting juist is en in overeenstemming met het taalgevoel van den inlander, vindt ook bevestiging in den vorm der zoogenaamde hooge woorden voor rj cn-ii I teze zijn namelijk li Üït:i\ dat met behulp van den neusklank gevormd is van iji?) ii. zoomede ,vigt; 11 gt; nij.i.j of met den neusklank: m i ixi j.i p\

I IS'J. Ken opmerking, die den vorm betreft, is deze, dat de eerste lettergreep van het woord dat gevormd werd, hetzij eenvoudig door herhaling der eerste lettergreep van het grondwoord, hetzij daardoor en door een aanhechtsel, dikwijls gesloten wordt met den kee 1 n e. u sk 1 an k ng d. i. met den pangnjètjek. Eindigt eehter de eerste lettergreep van het grondwoord op dien klank, dan blijft hij bij herhaling van die lettergreep, achterwege. Zoo bv. f'muiVti! strot, gorgel, keelgat, van un 'ti\ Sd. ong. Jav. ee/i diep gat in den grond, hol, /wl staan van deoogen; thii hin n i.n j soort honten hel, van i.»? m.n j. Sd. ong. .lav. alomhekend, hernchl, vermaard-, i'i in i j i.y i.) p gehladerte, hinderen, van to n ioj hl ad van een boom of plant; i'ii i,ii i ii 11)),)^ pishlnas, van n i n? pissen, wateren; (y iy y i.imp haastig, ■niet spoed; gauw! gauw een hertje! van i j ij i t m j , dat nevens IJ 11 Ij 11 in I in gebruik is; nitiii'ntrtKip hetgeen men overhield, overschot, van tluiip over ■ oversch ie ten.

§ l!)t(. Onder de nieuwe woorden, door middel van reduplicatie of wel daardoor en door toevoeging van een aanhechtsel, van grondwoorden gevormd , zijn het zeker de werkwoorden en de zeltstandige naamwoorden, die voor een beschouwing in aanmerking komen. Wij gaan nu daartoe over en beginnen met de laatstgenoemde, met de substantieven.

§ 191. Hoven, § ISS, zeiden wij, dat, in het algemeen gesproken, dooide reduplicatie een onbepaaldheid of onbestemdheid wordt beteekend. Hoewel zulks vooral geldt voor de er mee gevormde werkwoorden, zoo is die algemeene zin der reduplicatie toch ook bij niet weinig substantieven duidelijk te onderscheiden.

-ocr page 99-

OVER UK REDUPLICATIE KNZ.

Bv. ,1.1 li lIi.• \ dat gevoriud is van ondcrreyent wi daaruovcns wonil

gebruikt, heelt een algemeener zin dan dit laatste, want het beteekent de hek loeder van de helrekkhiy van onderregent. en zal men dan ook in, door den patih van oen regentschap in zijn kwaliteit algegeven stukken, niet zelden (boven de handteekening) vinden li li.iii; i. pi. v, .tjiihrs Zoo wordt ook Gesch. van Abd. en Abd. bl. 123, 1U en 13 r. gebezigd *1,1.1 tjif\ omdat daar niet, zooals bv. bl. 26, !) r. v. b. gesproken wordt van patüi die ol' die, maar van den patih, van den ambtenaar, bekleed met di« betrekking. In overeenstemming hiermee is het ook, dat liet spraakgebruik verbiedt het praedicaat -u i/ i -i hij tlt;! voegen voor .1.1 i j i n; w De reden ligt voorde hand. Kaden is een betiteling van adellijke geboorte, die niets te maken heeft met de betrekking van patih, en ook, om daartoe benoembaar te zijn, niet wordt gevorderd. Waar men dus, zooals met ,ijiit/Iiisii^\ den patih slechts noemt als de hekleeder van hel anthl patih, op dezelfde wijze zooals wij, bv. sprekende \an het hoold \aii hel gcmecnlebe-stuur, zeggen: quot;de burgemeesterquot;, zou de voorvoeging van den persoonlij kvn titel van den ambtenaar afbreuk doen aan den ahjemeenen zin van den ambstitel. 1)

§ 192 Ken zeer veelvuldig voorkomemh! beteekenis van liet, door middel van reduplicatie, van een grondwoord gevormd suftjitanticf is: iemand of iets, van den aard of tan de hoedaHiyheid of wel iet*, dat yelijkt 0/), ook wel dat een nabootsiny is van hetyeen door hel yrondwoont wordt heteekend. I!v. gt;.u/ i n' ui? ft]' van hii' a gt;' oud. bejaard ook onder, liet beteekent iemand, die ouder is dan de anderen of iemand, die de oudere is van anderen, en van daar hoofd, chef, ook wordt zoo genoemd de mandoor of hel hoofd der bedienden in een logement, terwijl het in het dorpsbestuur de titel is van een beambte, die den loerah, het dessahoofd, ter zijde staat en zoo noodig vervangt. Voorts: .ryryry* iets, van den aard of de hoedaniyheid van leboe, t. w. poeder, yruis, van iy ; y door den wind opyenomen en meêyevoerd stof, stuifzand; njn^i/ip iets, dal zich in de hooyte bevindt ui dat men boven zich heeft, van daar hemel van een ledikant; ook het, een zolder vervanyend, uit-yespaitnen wit katoen in een kamer, van n jr^\ hooy, boven; hooyte; Kinnitj^ steen in een riny ol derg. van m ry steen; mgt; mgt; f igt; ook wel r'i 11' j 1,1 hel houten blad van een krisschee, van m/iji/ Jav. en n 1.1 Sd. blad van een boom of plant.

^ l'.ri.

-ocr page 100-

OVEH UK HKDl'l'LICATIH EN/,.

§ 1113.

SS

§ 193. Zoo uok met lit!l aanhechtsel bv. i.j ,,ip (lescli.

van Socpëna, bl. 11, 5 r. v. b. nalootsing van een o/' ander dier, zooals er wel een of meer in een optogt worden meêgevoenl, van flat in

bet gt;d. gebezigd wordt voor oitlcluffle //evangelie, maar in het Javaanseh beteekent wild //eest, wild en van daar vervolgde, ook dier in het algemeen; ir1 if. iets, dat de. gedaante heeft van een tueusch, pop, van «tj

i\ hieiiftc//; ' I ' I 11 j (Gesch. van ïSoepena, bi. ~ '2. '.) r. v. b. j popje, gemaakt van een of meer opgerolde lappen, van oorspronkelijk liet

Skr. woord poetri, dochter, vr. van poetra, kind, :oun , tegenwoordig voor: x meisje van vorstelijke afkomst; gt;■ gt;j i.ijii gt;i n.gt;i ij \ daarni'vens i:n en tin i,ij

de, met /rater gevulde, gegraven kuit, /caann men de voeten //fsjioelt, voor een buis, van /■ y n ;^gt; daarnevens i n tLn kleine gegraven vijver; ij i t ^n ij i'n iihij- ook 189) ij .t3i ij i i ij ii 11 :i hi j* spaarpot, in den vorm van het bekende, ook op Java in de waroengs verkoelit wordende, in steen nagebootste varkentje, maar bij uitbreiding ook voor ieder spaarpot, van niniiii- varken; .•ƒ .■ j hi i i hip iets, dat gelijkt op een moentjan/jvruclil, van daar de enkel, van imi\ naam van een zekeren boom en van zijn vrucht.

§ 191. lüj de bespreking der woorden, niet het aanhechtsel j^tmj gevormd, zagen wij, dat bij zulke, die men eollee ti e v e naamwoorden (J 133 b.) zou kunnen noemen, reduplicatie plaats had. Ook daar geeft zc , om hier nog een voorbeeld bij te brengen, zooals in .mn/i.y io,^ dingen, van den aard van hoont gaarden, diverse hoomgaarden, van nvinimp Ijoomgaard, aan het woord den hierboven (5 188) bedoelden onbepaalden of algemeenen zin. Ook is dit het geval, waar het woord nu juist geen collectief is, zooals l)v. vu 111 in / j.y Kjy iels, een of ander werkiuig o{ toestel, om een dier in te vangen, val, knip, sla)/, fuik of derg. van aaifnzMi^ dat ook wel eens in die beteekenis wordt gebezigd. Desgelijks bij .m i-n i^i nnnp iemand, die iemands makker of kameraad is, kameraad, van wikii\ makker, kameraad, me/lgezel. liv, i 1 '1 i-?i 1 ^ ; n ij^ n.hi jtpni^j^i 1 h 11, j ii i.,i i 11 \ n/n%o/ iiirjhi\ met iemand, die je makker is of met '« makker moetje niet Hg/gen te twisten , dat is niet goed. *)

§ 195. Wij maakten reeds kennis (§ 188) met een door middel van Reduplicatie gevormd werkwoord, ze verving daar de neusletter. Een ander werkwoord van dien aard is: iii iiij.i ;\ zich wrijven of zich schuren

1

rn rn t-iyyimi/i\ is ook /.va. i i ij ii.rii rn hij 133 c.) ; ia tlit laatste iieeft 7 )? ' nti quot; ]gt; dan laimler de beteekenis van vriend, Jan wel de insgelijks Maleiselie van muX'-ker, lt;je~('l. Bv. I I I £ I.n Ip '11.y n i n i n i y n i.it-n ij i.'i m j i'-i i.gt;\ iu Soekapoera was ik di' makker van linden tVamjsa of leefde ik als inal'kev met linden IV^anjsa.

-ocr page 101-

OV Kit DE ItKDLM'MCA'J'I K ENZ.

89

§ 106.

tegen iets, hv. tcgi'ii een boom, vim een buffel, een rund of derf;. Hv. !i .)1.! .nt n) gt;.i ^ i'n i*i.iijn\ f/c ZjhJJéI nchmiTi zich lc'Jt'i! tic hctnuuj. Ne\'eiis m dii/j is in gebruik itncmMjmaip (§ 03 en volgg.), \iin beide is het l'as-sief ei hi/.i n ''koorts / i gt;ii * li i. n j luiilksels sch I'ccuwcit. bv. iemiuid beknorrende of uitselieldemle; ^ i.n tj gt;.» ^ ik schoppen, slatnpen, v:in een pnard, dat wormen of maden in een of meer van zijn hoeven heeft en daardoor wordt geplaagd. 15v. i. ij i i ij i n gt; i n n rt-'y 11gt;■ y \ ^ gt;,11 ij}.n gt;j 1.-. 1,11 r -\ /iet paard l/eefl wormen in de hoeven, het staal al maar te stampen; rn.t.n 11 ij.i\ inkoopen doen, van 1 ini-iin\ iji-ld voor den dat/elijkschen leeftoyt, hnishondyeld; n 111 j ^van i' gt; j' \ Kw. rein, zuiver*], ü. voor zich de handen of voeten wasschen, ook wel voor 1111 ij i -i vn i. n.p zich het achterste waxschen, na een ontlasting. Ook nog: iminij n 1 mi handeldrijven, reizende met zijn waar of waren naar andere plaatsen, van i:n ij n 1 i.ip maat, keer. Opmerkelijk om de eigenaardige beteekenis is ij ijhynjw Dit is gevormd van 1 ^ ki waarvan ook ij.j i n j ü. (sprekende van een aanzienlijke) voor ij.i 1 ui\ iets vrai/en, verzoeken, en van daar te vertalen met iets eischen, vorderen. Maar nn beteekent 1 j • j i,y n j\ een ijeschenk oi tjeseltenken brengen aan een aanzienlijke of meerdere. i!v. a.i iui n i^i ruin/ 'l' l 11 (') ''i' 11': quot;' ^ ~ heden strooi,/en ze aan, die onzen meester {o\

onze meesteres) geschenken komen hremjen. Hoe ij aan deze beteeke

nis komt, is niet geheel duidelijk.

§ 190. In .'ij.yi,] en 1 j gt; gt; iquot;/ (zie vorige §quot;) hadden wij een voorl)eeld, waaruit ons bleek, dat van (!en grondwoonl èti door middel van de neus-letler en door middel van reduplicatie een werk woord kan worden gevormd. Dit nu is dikwijls het geval, en dan is het kenmerkende van het op de laatstgenoemde wijze gevormde werkwoord, dat het, geheel in overeenstemming met de beteekenis der reduplicatie (§ 1SS) een algemeenen of onbe-paalden zin heeft. Zoo bv. van .1.1,/gt;1.1.1.:\ last, hevel, myn j/i; n iemand tets gelasten, maar .111111*1^\ hevelen geven ol nitdeelen, van iijnj\ hulp, hijstand, '•'l1'/- hulp verleencn of hijsland hieden aan iemand (een bepaald persoon), bv. i.u .m ingt; ).! 11.1 '11 gt;. 11!i k heh h nip verleend a a n . 1 h im, maar ,i lijs helpen, hulp of hijstand hieden in alg. zin, bv. Sp. d. J. bl. 10, f r. v. o. en 87, 8 r. v. o.

§ 197. in verband vermoedelijk met dezen meer algemeenen ofon-bepaalden zin, schijnt men voorts, waar sprake is van een verscheidenheid, de voorkeur te geven aan het, door middel van liednplicatie, gevormd werkwoord.

Zoo vindt men bijv. Gesch. van Abd. en Alid. bl. 81,8 r. v. o., 179, 7 r. v. o., 181, 7 r. v. o. en 183, reg. 1, voor vertellen, verhalen, niet i.t.j n.Lti\ maar jo i^i n i nw Dit laatste heeft een onbepaalden of algemeenen

-ocr page 102-

oVKli UK ÜKDI'I'LICATIK KXZ.

y.in, en wordt, luuir hot schijnt, ilaarom hier, waar gedoeld wordt op de undersellcideui: lolu;evallcii, ontiiioetiiigcn of avonturen, die werden beleefd, hij voorkeur gebezigd. Waar tie zin minder onbepaald is, zooals bv. op aangehaalde bladzijden SI, VU r. v. o. en 181, 9 r. v. 1). vindt men Dat echter het spraakgebruik, bij slot van rekening, ten

dezen lussehen n i u en i] i u\ toch niet veel verschil maakt, blijkt o. a. bij vergelijking van meergenoemde plaats SI, 10 r. v. o. met de insgelijks reeds aangehaalde plaats op bl. 179, 7 r. v. o.

198. Moeijelijk te verklaren is het, waarom bv. Sp. d. J. 1)1. 50, 9 r. en ook Geseh. van !gt;oepèna bl. 17, 17 r. (aldaar echter iyi,»y, dat de llasavorm is), voor; hu-I :ii:h cocrcn. hij zii-h Jichbeii, gebezigd is ; i ti i-)\n Ken reden toch voor toepassing der Reduplicatie schijnt hier niet te bestaan. Kn zeker is het zonderling, dat, terwijl het Songongwoord jiui zoomede het Basawoord hjji.n.nj een vormverandering door Reduplicatie kunnen ondergaan, het l'a nèngah woord daarin niet deelt, immers dit laatste is niet n i n l maar hetzelfde als van namelijk i.i

i n Jii

Niet veel duidelijker is de beteekeiüs der Reduplicatie in m/.mm dat zonder onderscheid van taaisoort gebezigd wordt voor muceken. Bv. !sp. d. ■I. bl. quot;27, 1 r. v. o. en Geseh. van Abd. lt;'ii Abd. bl. .ïl, S r. v. b.

Onaannemelijk is de verklaring echter niet, dat ze hier hetzelfde aanduidt. hetgeen in andere gevallen uitgedrukt wordt door de herhaling van het woord ^zie volg. hoofdstuk), namelijk een herhaling of voortduring. j.ii.-m dat het l'a nèngah woord is voor ^ ^ beteekent cragen, i'c-rzuel'cii, en zou dan bclcekenci!: fjij Iwrliiiliiiij ol hij voorldurimj

cniyiii, (I. i. ■inmh'fn. Aan deze opvatting is ook niet ongunstig, dat mede de benaming is van //et, alvorens ecu reis le aamaarden, (je-(Inreude ceniyen lijd, telkenmale op een rrijdn;/. dus bij herhaling, ejeveu iYt« een offermaaltijd, opdat de reis voorspoedig zij.

199. Hierboven (§ 193) wezen wij op de beteekenis van substantieven, gevormd met reduplicatie, zoomede het aanhechtsel Een dergelijke

beteekenis hebben ook de langs genoemden weg gevormde werkwoorden. Deze is namelijk: een doen, ook een ;ich voordoen of zich houden als hetgeen heteekend wordt dour het grondwoord. lgt;v. .Sp. d. J. bl. 5, r. 1.

zich voordoen nis knap, zich voor verstandig uitgeven, van ij iy n knap, Verstandig; tj Dl lt;j rn 111/ i i tnp zich gek honden, ook voor gek spelen , voor hansworst spelen, van n rn nn dwaas, mal, verstandeloos. Zij kunnen ook een collectieve beteekenis hebben (ve.rg. f 134 li) ol liever gezegd, ze kunnen ook beteekeneii: meteen ander of en ef, elkander iets hehhen et'i doen. Zoo bv'. ' '/ ' 'I quot;I hl I h samen m een en hetzelfde rijslhlok stawpen, op de maal

§ l'JS.

-ocr page 103-

OVKIt DE KKDl l'LICATIK KV/..

91

§ ÏOO.

cn o]) een (laarInj Ijchuurcudf Inyoe, door eun vrouwen, o. a. bij wijze

van feestiiaiikomliging, van i n rttimj sloi/ij) vmi eeii ffeveldcn f/oom; i.iili i'i/ tnihTjp gezamenlijk koopen, van .1.111'ip dat ook wel in dien zin wordt gebezigd, en voorts een kunstterm is, om van iets te beteekenen: yeteverd duof ve/cu aan/iet Gouvernement; a-iv-iC* y * i of i jjn/ tnp vijandaclidp hebben, in vijandscha]) leven, van vijand; nj van M

is zva. j.j j.j {i tj 11 jn i a

§ 200. Al verder kunnen deze werkwoorden hebbenden alge m ee nen oi on bepaalden zin , bedoeld in § 11)0. Zoo Ijeteekent bv. (iescli van Ahd. en Abd. bl. 101, Sr., 119, 3 r., 131, 7 r. 'J'' jlquot;1 1:1 '[l]N reizen m trekken, op reis oi op hel pad zijn, van ynan; oj) reis yaan; er

dp nil zij}!; Kin.i vloeken, vervloeken, verwtnachen, eedzweren, van

ï.! 11 vloek, vervloekunj, eed; ; j J; r:].n;i,i j tn jereedhetd brengen; het noodige klaarmaken, van j. gt; /1 i gt; gt; gereed; m f n *gt;gt; rih: ml alle hingl roe-Zien en schreemcen, sehreenven en roepen, van in gt;ii\ een sc/ireemc geven, een gil geven; gt;■ n initi1111quot;1,1 jv Jladderen, liggen te Jindd'ren, bv. van een niet w atervogel, lt;1 ie in liet water viel, van i n m i i!■ n) ■ een klanknabootsend woordje.

§ 201. Eindelijk is de beteekenis van liet, met behulp van reduplicatie en het aauiieehtsel gevormd werkwoord, ook wel eens dezelfde als die van het grondwoord, dat dan niel zelden een zoogenaamd onvolledig werkwoord ^ 31) is, ol wel ze komt overeen met de beteekenis van het eenvoudig werkwoord, gevormd met de neusletter. Zoo bv. i ]i.gt; gt;gt;

van j beide I)eleekenen: lachen,ook is hel 1! a sa hetzelfde, namelijk 11-. \\ Zoo ook k\ 11 in n ?,i j van r i t IJ \ beid: ('/(V/. 1)V. i j n ! ' I I! 11 n-ii ni n 1 jgt; : i i • iui.iij?i\ ge moei niet al i impende eten, dal in ongeoorloofd en strafbaar door andere dan de tvercldsehe rnaglen. Oesgelijks (Jeseli. \an Abd. en Abd. M 51, 7 r. v. o. a ii-ii inp zullende sterven ol' heen gaan, z/jn laatste he

velen ol icenscheii mei deel en aan de aciiterblijvendeii, vani.'iM iniuy dat ook in deze beteekenis wordt gebezigd, bv. (ieseh. van Soe|ièna bl. 05, 9 r. v. o. Voorts nog, o. a. (ieseh. van Soepéna bl, (15, II r. v. tgt;. ki i.i 11 n hi p zva. '■// ' gt; quot;t wol '-''n spreken, zeggen, pralen, liet is een 1! a sa vorm voor i ol wel i-)i'ii^ Dil .1.11. j it:j t) ii11 kan ook belequot;kenen zanieii pralen ,

r - c—' '

oraten met iemand, maar iu dat geval is het Hasa voor i v iu gt; ■) i'i/1 i ki.iv,

v f— e^- w

Over de iroordherhaling.

§ 202. Wordt, zooals wij gezien hebben, van de lleduplicatie veelvuldig gebruik gemaakt, niel minder is zulks liet geval met den grammatisehen vorm, dien wij, in overeenstemming met zijn wezen, bestempelen met de benaming van W o ord lierhal i ng. Eenige opmerkingen omtrenl den vorm

-ocr page 104-

O V K It Dl; WOO It 1)11 KIUIAIjING,

van '1 it' wWoordherlialiiiijquot; mogen mui de verklaring der beteekenis voorafgaan.

§ 503. [s liet te herimlen woord een werkwoord , gevornul door middel van rourvoeyimj van den neusklank n ^ t6), dan wordt die neusklank niet mee herhaald. Ook geseliicdt zulks niet met de aanheehtsels van liet transitie! ot eausatiel werkwoord (§ G3 en Oil). Trouwens voorvoegsels en aniihechtsels worden doorgaans niet tneu herhaald, een uitzondering maakt evenwel het voorvoegsel 11\ dit gaat wel eens mee. Zoo bv. Sp.

d..I.ltl. 1^^, 10 r. v. o. ,1,7 ri i.j 1 gt; 1' 1 w lui heelt liet woord den meervouds-

(-■ 6-

vorm(§ 111 en volgg.), dan geselt iedt de verdubbeling niet liet woord in liet enkelvoud. Zoo (leselt. vjitt Soepèna, li, IS r. vfh.tnirj.titi en aiet trit.mi

11 »'1 -rniw Desgelijks /1 m 1 .■ t mi 1 r» .w i ll } en niet n 111 * 11 n 1 n /1 i 11 '11 in bv.

^ /lt; I 1 /1 1 -( ) l -l , /lt;.( '

ni 1 J! 1 mij rj ! I Ml? r» un/ ij f) ijfcli l/lt' /i'OM l'OM llU'I'S zijn al lu'i'l l'h'i)!,

§ 201*. Deze vormveratuleritig nu, waarvan, zooals wij boven reeds zeiden, de taal veelvuldig gebruik maakt, daarmee wordt (n) beteekend een herhaling, en van daar ook wel een aanhoiidetullieid, van hetgeen uitgedrukt wordt door het woord, waarop de vormverandering werd toegepast. Zoo bv. van l/ijcoei/hiff, veniwert/eriiiff, ook vermeerderen,

toetienien m iets: lh 11' m 11luein-nu-ii cu lovucuicu d. i. (lanhomttiiti of.v/tvvAv

CO (O'

toeiiehici, o. a. Geselt, vatt Ahd. en Abtl. bl. 35, 10 r. v. o., 39 .7 r., 55, 1) r. v. o. en l i7 , G r. v. o.; van j.Ï/f \ wegen en tig. iets in de nelianl lejjcn icgt'ii-over iets anders: gt;.] .■! liI wegen rn wegen, tl. i ■ wikken en wet/en; va tl tj i'i quot; gt; i in de hand zillen mei iels, niet dr lunul zitten nan iets: (ƒ I 111 ƒ 11 n ij al maar door met de hand of de handen zitten aan iets of met iets in de handen zitten, zoodat men er letterlijk niet afblijft. Een voorbeeld vindt men o. a. Geselt, van Abd. en Abd. bl. 151, S r. v. t).

Ten antieren {tj) kan tlt^ herhaling beteekenen, thtt hetgeen uitgoilrukt worth door het woortl, waarop ze werd toegepast, geschiedt of tlat men het tlenkt te geschieden, op ve rs c It ei de ne of a lier lei wijzen of wel in meer tl an een opzigt. Ook wel op meer dan een tijd of aan meer dan een plaats. Zoo bv. Geselt, van Abd. en Abd. bl. 17 1 , 11 r. iiioutict h i/j t oernxtingen mal'cn ; id. I (gt;5, 0 r, v. o. ij 1 j j] / ij 11 n~j gt;,11? }o/j\ is. van ri 11 «jfi 11 hot?m^ zich iemantl of iets up allerlei wijzen in het geheugen trachten terug te roepen. In dezen zin bezigt men ook lay en ij 11 il'i y 11 lt;iVa Dit betetikent voorts: iemantl of iefs o/j meer dan een tijd in de gedachten hchhen, of wel volgens (rt) iemand of iets in de gedachten honden. Van deze laats!e beteekenis vindt men een voorbeeld , Spiegel der Jeugd bl. 115, ld r. zoomede Geselt, van Abd. en Abd. bl. 12'.), 6 r.

De beteekenis aan meer dan een jilaats komt soms bijzonder duidelijk

§ 203.

-ocr page 105-

OV Kit DE WOOIUJIIEIUIALIXC.

uit, bij tegenoverstelling van liet woord in den herhaalden vorm aan het woord zelf. Zoo bv. u ^ gt; n gt;. n gt; m ^ iels (lerijtt-n, rnededeelcu, vcrlelleti, maar i j ?ƒ (v;; I-; ?ƒ j.;; i-, i.iigt;I,: ƒn iets overal Vi'/'tC'llcu, Toud fjdziliucil; 1:1 hu • o. a. Gesch. v. Abd. en Abd. bl. -19, 3 r. iemand Leyeleiden, maar i/ry i hy-, o. a. bl. '1*7, 7 r. v. o. iemand heyeleideu naar de verschillende plaatsen, waarheen hij zich begeeft; i i/ƒ kippen of ander pluimgedierte het eten voor-strooijen of wel in een icadnh voorzeilen, vau daar roederen, maar ivi ijci ?|\ iets rondslrooijen.

(c) Een middel oin de verschillende of de onderscheidene, ook wel om verschillende of onderscheidene soorten te beteekenen van de personen ot zaken, met het woord genoemd, is de herhaling o. a. in deze voorbeelden ; Gesch. van Soepèna bl. 2 , 5 r. i.i i.-i m 10 i.ir al de atnhU-naren of n/ de onderscheidene (ini/jlenaren 2*.),17 r. ? in ? )~i m ih \ de em-

hanx ofwel de onderscheidene hnhans si iepen juist rast; fresch.van Abd.en Alid.

1)1. 1G)5, 11 r. v. o. j-airvuS-b» i n zijn dienaren of zijn onderscheidene

C\.i C\l

dienaren ; id. 171, 10 r. v. o. ^ x.i »ƒ n iy j - verschillende soorten rnn of velerhande voorwerpen van waarde.

§ 205. Met hetzelfde doel wordt de herhaling ook dikwijls toegepast op liet vragend voornaamwoord voor personen of wel zaken. Zoo beteekent ojiurn\ o. a. Sp. d. .1. 130, !l r. v. o., 141 , 2 r., 152, 7 r. v. o., 110, 3 r. wie en wie d. i. al wie of een iegelijk. Dat echter de verdubbeling in dezen zin ook wel eens achterwege blijft, daarvan vindt men een voorbeeld op bl. 139, 9 r. liet vragend voornaamwoord voor zaken ol voorwerpen: anujM/p lont, beteekent herhaald: wal en wat, d. i. al wat, wat ook, tea! hel ook zijn may, bv. Sp. d. J. 1)1. 87, 10 r. Ook het vraagwoord mns welk, welke, wat, waar, van waar, waar van daan, wordt zoo herhaald, i.niinm beteekent waarheen, maar waarheen en icaar-

heen, 1) d. i. waar of aan alle verschillende 'plaatsen, overal heen, overal (bv. kitab Dongeng n. a. bl. 34, I- r. v, o. 8]). d. .!. bl. 62, 2 r.). Des-gelijks ui •• iao\ waar, alwaar, maar ;7;i,kgt; ;i.m\ overal. Voorafgegaan door een ontkennend redewoordje zooals iunini\ of au.utirvip wordt met jani.j i ) hi j beteekend, hetgeen wij uitdrukken met niets of niemendal, van daar ook f lil ,i j iy 11 Mij! n of (Lu i J~yi. 111 ui ,17) m i V ki/] n met li. 111 t i o kij of

§ 205.

.igt;nf6^tli Ki /7 hui xuiwel voor goed, / is (jovd (bv. fJescli. van Soe-pena bl. 28, 6 r.). Met genoemde ontkennende redtnvoonljes of wed met het verbiedend redewoordjquot; tu).tL)^\ voor zich, beteekenen mh nwiMihi en dj) 11 mi (ej! (hi \ nergens heen, nergens.

1) Wij drukken ons ook wel eens zoo uit, bv. «waarheen en waarheen ge Uw sollieden rigt .

-ocr page 106-

OVKll DE \VOOIlt)ltEKH.VI,lN(i

§ 2U(i.

'.I !•

Een ander voorbeeld, waarin door de lierludiii^ een Toerschchlfn zijn wor.lt te kennen gegeven, hebben wij in van in ?i^ dat in het Mal.

ieder heteekent. lïv. tij i.. gt; i ■gt;] n i;: ? j.V gt; 111/ jo m 'ri ;,j\ vervolgens keerden ze tenuj, een ieder naar zijn natjarn; nn ij ' gt;gt;'' gt; n m i n gt;»gt; i -1 m/ tn jy amp;i.kïli \ vnj^tiuiJim tp ook hebben ze allen een verblijf, ieder afzujidei'Ujk, niet ye-uieemchnppelijk. Desgelijks waar liet herhaald woord een telwoord is. Zoo bv. \an I-; i /I i.-? gt; ieder één, één voor één. Kvon/.oo Geseh. van Abd. en Abd. 1)1. 41, 8 r. v. o. i j i n gt; r tn ui m ' 11 ~ii i ? i n hi \ de pUiulaen van liyyiny der landen één voor één, d. i. de ligging der verschillende landen. Waar echter, zooals bv. Cfesch. van Abd. en Abd. hl. 11-7, 9 r. V. ü. iKl 1771 W j r hn X (T'l f J* rn

lt;z^ im .£in7\ ieder en ieder jaar vermeerderde en vermeerderde zijn geioin, of' ieder jaar vermeerderde zijn gewin , x) i n m/j of i'j m n i j\ niet he.riiaald , des noods voldoende zou zijn, althans de niet herhaling geen verandering in zin o( beteekenis zou meêbrongen, en slechts de wijze van zeggen iets minder nadrukkelijk zou doen wezen, daar ligt het meer voor de hand, de aanleiding tot de herhaling van het woord te zoeken, in het verlangen van den spreker om dat woord te doen uitkomen, m. a. w. om daarop den nadruk te leggen.

§ 200. Zoo wordt ook, om van dit laatste nog een voorbeeld bij te brengen, eenvoudig tot meerderen nadruk het versterkings-of nadrukswoordje n , waarover later bij den Voluntatief, wel herhaald, de reden dat zulks met aJitxi gt;\ dat een dergelijk versterkingswoordje is, nooit geschiedt, schijnt te zijn, dat de reduplicatie hier de beteekenis heeft van de herhaling, hetgeen meer voorkomt (verg. § 19S), en dat dus eigenlijk staat voor iJi tKi' aJt (\\

§ 207. Waar het woord voorzien is van het voorvoegsel m (§ 173), daar kan de herhaling gebezigd zijn om een aanhoudendheid (§ 201) te be-teekenen, bv. Sp. d. J. bl. 17,5 r. }.i ij rp heel den leef lijd en leef lijd, d. i. levenslang, ook kan er een verscheiden zijn mee uitgedrukt worden, bv. (resell, van Abd. en Abd. bl. 41, 7 r. v. o. i.i gt;.nti igt; hi . i■ ti i,t j in alle {verschillende) rigiingen; id. 7'.', 5 r. v. o. en Gesch. van Soepëna bl. Sfi, 3 r. v. o. (umn ij/.! i , i ijgt; n J)\ in het reilde, waarheen de voeten slechts willen dragen, van voortloopen. In het boven (§ 173) bijgebragte voorbeeld: nuz iM m /i m\ se zijn teruggekeerd, een. ieder naar zijn huis,

heeft de herhaling ook laatstgenoemde beteekenis, en dit is mede het geval in de spreekwijze kn ii im^ i.n ij i n^ waarnevens of als iets hooger: mijiimu) ,_u\ ook wel MUMiii-T um.i« Zooals men in het woordenboek kan zien, is het een formule, waarmede men zijn volkomen onderwerping aan al wat een meerdere behaagt of zal behagen, uitspreekt. De letterlijke beteekenis is geheel alles en alles. Plaatsen, waar de zegswijze wordt gevonden, zijn o. a. Gesch. van Abd. en Abd. bl. 93, 2 r. en Geseh. van Soopfina 1 t, 3 r.

-ocr page 107-

OV Kit 111, WOOUDIIKIIIIAMNO

§ 208.

95

v. o. id. 59, 16 r. Ook Soendasolie modellen van verschillende brieven door Holle, 1)1. IS, t r.

§ 2U8. Voorts bezigt men, evenzoo als in liet Javaansch en Maleiseli, de herhaling, om bij woorden, die cimi hoedanigheid beteek enen, of in het algemeen, van iets. dat vatbaar is voor een meerder of'minder hoogen trap of graad, zoo'n trap of graad uitte drukken, en wel een hoogen of bijzonder hoogen, ook wel den hoogsten. Zoo bv. van gt;jin\ voorlrej/elyk, zeldzaam, zonderling, wonderbaarlijk, i 'u j^i Tii'nx hooijsl voortreDelijk, heel zonderliny; van cunviiji en i./r- \ i/'n-d. i n ytjj 1,7; ij?ji en gt; ir i.ir-.' voortreffelijk, opperbest; van lOu Lm txsuj-^ stroef, niet ylad, en tig. moeijelijk, he-zwaarlijk, Li? •ku w ^ heel moeijelijk, heel tjezwnurlijk; van crn nnct*

ff roof, hooij, enz. rmnui iniria-n 1 op zijn hooffst, op zijn meest; van lekker, ï 1? ki? inicm ^\ heel lekker, zeer lekker; lekkertjes en led; van gt; 1 /rj ■gt;i \ avond, 'savonds, MiojniiKu gt;^i\ hetgeen ook beteekent laat in den avond.Zoo ook il' * 1 /ui ■ gt;1 \ dat gevormd is van liet Javaanscho woord ^!-n\ zva. Soend. 3./

tm.vti\ hoeveel. Met il?i riiji'n\ hoeveel eu hoeveel, ook wel ojioji

j

wordt een overgroote hoeveelheid of menigte aangeduid. Voorbeelden vindt men o. a. Gesch. van Abd. en Abd. bl, 99, 8 r., Sj). d. .T. bl. 98, 7 r. v. o., 115, S r. v. o., 133, r. 1 , en Kitab Dongeng n. a. bl. L3, G r.

Met t i 'li i 'gt;i komt in beteekenis overeen i~ii-n in'n 7 n\ 0. a. Sp. d. .1. bl. 33: 6 r. v. o. en 58, 5 r. v. o. Het is gevormd van het zoo even genoemde en wel met behulp van reduplicatie, die de beteekenis heeft der herhaling.

§ 209, Er zijn eenige woorden, die altijd worden herhaald en slechts zoo worden gebezigd. Hv. :^-i iï iCi __-i n i en gew. I IJ -H n'i I -J il l\ sch/tfsel, schut tin ff, heschuttinff, van 6^tH'i\ .Tav. vvn'i\ de lenninff van een hrnff,scherm, festoen; n j m j ?i^ hel plein voor de woninff van reffenlen en distrikls-hoofden, van het grondwoord waarvan de beteekenis, die het

hier zal moeten hebben, onbekend is; voorts m ui mi 11 \ de twee of vier pilaren aan de bujanffen van de hoofdplaatsen, van hm i\ waarmee het evenzoo gelegen is als met (s-stn^w/js\ Al verder: 1, y ui) ^ i~i * schraaff, hok; twee onder den nok van hel huis verhonden balken, die, rustende op ten hanebalk, met dezen een driehoek vormen, van mpji \ paard. In dit laatste heeft de Herhaling zeer duidelijk de beteekenis der lleduplieatie (§ 192), en zoo ziet men, hetgeen wij trouwens boven ook reeds een paar maal opmerkten, dat Reduplicatie en Herhaling als vormen wel eens worden verwisseld. Ken ander geval, waarin de Herhaling altijd wordt toegepast, is dat, waarin het woord met st?ugt; of x/nfeu zoomede tot een uitdrukking wordt

zamengevoegd. Bv. in? 11 ,-n i n 1 1 :-i * i u 1. n j, 111;.) ƒ\ niet hef allerminste, hoeffeuaamd niet; n.,n ffKii /1 17» ir? Ci-L-i 11 ; f of int 1 /»1? 17» ik j -i-i ij) f/eeu en -

-ocr page 108-

ovkk dk wooitDHr.ltirAMMi

kei, geen enkele; Sp. tl. J, bi. 107, G r. in ij/ (voor ngt; mi) i'.^ry i 117i i.-? r i-J i i 'quot;lt;?/ (¥« mensch is er; er is geen sterveling te bekennen.

§ 210. Wij hebben noi; niet gesproken over (Ie in § 1:51 bedoelde herhaling ran woorden met hel aanhechtsel Daartoe overgaande, merken wij op, dat bij de verklaring van dergelijke herhalingen te letten is vooreerst: op de in § 133, b, e, d en f vermelde functien van het aanhechtsel t. w. dat het aan het woord kan geven een collectieven zin, ook wel dien van een zekere gesteldheid, dat het ook wel optreedt tot vorming van een werkwoord, en dat er ook zekere lx; namingen van hoeveelheid of maat mee worden gevormd. Wijders op de 5 201 opgegeven beteekenissen der herhaling. Zoo bv. u ).1 ij iH uimp

O- ■—'

ergens in een geschrift gebezigde ot' voorkomende woorden; Sp. d. .T. bl. 38, 3 r. v, o; j verschillende slingerplanten, allerlei soorten

van stinger- of klimplanten; j^^/hijj^jmmi «'«'1 hetzelfde als het voorgaande woord maar met andere uitspraak: troepsgewijze, in troepen of scharen hij elkander, van menschen en ook van dieren zooals bv. herten, aan ko/)-pelswm vogels, enz.Voorts: j ii*'ip, gt;2Jl'zeereu,van een draagstok en

van een vonder; *pangt; i; i hm n in,/-, hij herhaling braken, al maar hraken; iit» iki f iTttt mi IhlJ'S 6)1 TBQts ICi'llBU , te Icoi waycu; hot H :l s :i is niet

i n 11 ij» i i ui j.-i,ji maar ,lii i n .• 11» m/r waaruit weer het in sommige gevallen met

m ^ucii ^ Csi »gt;1, v_.'( n o

elkaar verwisselen van Reduplicatie en Herhaling blijkt; ook nog: 3-elt;i,ii 'i17i 11 hi j\ en !ƒ i Min ƒ , j-i !ƒ i '/^ i y j.i^s rondloopen , ronddraven, rondspringen van een paard, dat bv. uit den stal ontsnapte; i^(,:y ^(r.y yi m hij herhaling naar beneden springen, bv. van den opstap van het huis op den grond, zooals spelende kinderen wel doen; ijw^ai.i reeds boven in § 134 f genoemd: bij centen, centsgetoijze, hij de cent.

Ook zijn er enkele substantieven, die den hier bedoelden vorm hebben. l!v. Q.lfjji j „;;i^iiik7^\ van parèstroo gemaakte Jlnit, een soort, kinderspeelgoed; 5^4»i«ode top of kruin ran het hoofd. Enz,

j 211. Herhaling van een woord met het aanhechtsel heeft ook plaats. Met het hierboven betreffende de beteekenis der Herhaling lt;'n het in § 138 en voigg. omtrent de functie van genoemd aanhechtsel opgemerkte, zal men dergelijke vormen gemakkelijk kunnen verklaren. Ken voorbeeld hebben wij o. a. in het vroeger (§ 1-iO) genoemde, van im gt;gt;/ gevormde , ril? nl ril?

])e herhaling met verandering van klinkers.

§ 212. Een vorm der Herhaling is die, waarbij verandering van klinkers plaats heeft. Veelal in het eerste gedeelte, maar regel is zulks

§ 210.

-ocr page 109-

DE HERHALING MKT VEUANDEIUN'C VAN K UN KERS.

niet, ook wordëjp wel eens in beide gedeelten de klinkers verwisseld. Eu hoewel nu bij deze klinkerverwisseling zekere voorliefde van den eenen klinker voor den anderen niet valt te miskennen, zoo veranderen bv. de a, i, en è gaarne in oe of o en omgekeerd, de afwijkingen zijn te talrijk, dan dat men zeggen kan, dat de verwisseling gesehiedt volgens vaste regels.

§ 213. Tn verband met het uiterst menigvuldig gebruik, dat van deze wijze van herhaling wordt gemaakt, moet de definitie van liaar zin en be-teekenis noodwendig eenigzins ruim zijn. In het algemeen dan gesproken, kan men zeggen, dat er soms hetzelfde mee beteekend wordt als door de hierboven besproken herhaling, en is dat niet het geval, dan zoo'n herhaling, aanhoudendheid of wel verscheidenheid, als wij uitdrukken door bijvoeging van heen en weer, links en regts, hier en daar, her en der, enz. ook wel door bij het woord een ander te voegen, waarmee ongeveer hetzelfde wordt gezegd. Zoo bv. moj)^yrihp ieder oogenhlik blijven slaan onder het loopen, van nptmy. waarvan i.lmp ophoHden.

Ci ' ' Cv' —■'

blijven staan, bv. van iemand die liep; -nmn|t\ overal gescheurd, terwijl de lappen er bij hangen, van iemands kleeren, van ong.;

hij herhaling spuwen, Jhdmen en spuwen, van 11 i.-j f \ s/gt;eeksel, waarvan yj] spuwen; -ii tyri ij m un \ herhaaldelijk diep ademhalen, van gt;/gt;gt; in n-i j waarnevens iti h tn ili j \ diep ademhalen; om ni] in -int mp heen en wetr gaan, zich heicegen, in schudding zijn, bv. van een op een bamboezen vloer geplaatste lamp, terwijl iemand door de kamer loopt; p^injinun/^j. links en regts leenen, bv. geld. van wtnt.ua waarvan ritnmas geld of

^ lt;r=gt; —' r- — '

goed van iemand leenen oi te leen vragen; rt^ui i.li iiit miy* regts en lin/'S lijken, rondkijken, om. zich heen zien, van ii.i i.ligt; i.n waarvan 11 ilitnt gt;.nj\ met wenden van het hoofd, kijken naar iemand of iets; icivn ry, metbog-ten zijn, zich kronkelen , van een weg of van een water, van i ; tu . Jav. «jjiiux

c- h

stang; ^-gt;j«,in tasten en voelen, van mn ^\ waarvan tas

ten, voelen; iminniunjjx hier en daar of oreral met gaten of wel gescheurd, van nrrjri^a.^ zijn met een gat of gaten , gescheurd van ouderdom, versleten, bv. van een mat; huppelen en springen, van

hert; i'i i.'n gt;) I.;, ergens staan te draaijen ot heen en weer te draaijen; ergens heen en weer loopen, zoodat bv. iemands licht wordt betimmerd, van nSii\ ong.; i^rnj iEit ~a asn —^(tsnjf (voor mui .it gt; i un ii.i 11 zich achter-

afhouden, uit het gezicht trachten te blijven, van waarvan nrj j

7' ~ j l zich verbergen of verschuilen; cïi gt;lt; i n i-n j ut i n ? j* knappen en kraken , van irttiTietrntttsna^ kraken, bv. van een beschot of heining bij het uit zijn verband wijken; ■rinm'ritnmtx niet voortkunnen op deze wijze en niet roortkunnen op die wijze, d. i. er voor staan, er niet -mee ter egt kunnen, van waarvan wnirmts lig. niet voortkunnen met iets; in ii gt;•] 111

§ 213.

-ocr page 110-

1)8 DE IlKllIIAIJXG MET YKKAXIII'.IUN'C. VAN KLINK KUS, §214.

lil 1) van een of meer personen, in liet laatste geval troepsgewijze: vu lucr dun (hmr , kalf vcrhijstcril, stanii, zitlcu of heen 100pen, niet wetende wat te doen ol uuu te vanyoi, van .iLinAii(i^\ WcUirviiii iijliiLij rnji^ o]) eeii (jtpuki nu f zijn vden stüdu ergens, van incnsclieii.

^ 21-i. Do taal heeft zoo'n grootc voorliefde voor (lezen granunatisehen vorm, dat men dien, met voorbijzien van de eigenlijke beteekenis, ook wol eens hozigt, eenvoudig om dien te bezigen en in plaats van oen anderen vorm. Zoo hv. ,iji iLi bu.Ln n van (uiinjiiasndasnjj^ waarvan (eu

de Oixjen wijd open sperren, ook yrimmiye ooi/en opzetten. Men gebruikt namelijk r/ n i .z:ii i gt; n t gt; t loi j in dezelfde beteekenis als ajitiui a a tingt; liip te weten voor; ijroole yrimmiye ooyen opzetten, met yroote ooyen yriinmiy fiijken. (irammatiscli wordt echter, zooals wij gezien hebben, door de herhaling mot voramloring van klinkers, ook zoo'n verscheidenheid be-teokend, die wij uitdrukken door bijvoeging bv. van her- en derwaarts, jinks en rogts, hoon en weer, en zou dus do mooning voor de hand liggen, dat v,.,Lin,,iu,ii~i!iuiaii,iMi. botoekende yrimwiy de ooyen laten rollen of heen en weer yaan en van daar yrimmiye blikken reyts en links werpen. Toch is zulks, zooals wij zeiden, hot geval niet. Een voorbeeld vindt men Sp. d. J. bl. 14, 3 r. v. O.

Zamenyestelde Woorden.

§ 215. Op hoogst eenvoudige wijze, namelijk door twee woorden aan een te voegen, worden zamengestelde woorden of wol zamengestoldo benamingen gevormd. Zoo bv. van voet, keen, en n.jar. zva. hij-n\ oorkra/j; i..y.,^j3\ het pennetje of schroefje aan de oor krab, dat door het oor wordt yestoken, waarna het moertje er wordt aangeschroefd; van ^ zijde, kant on zee: zeeoever, .strand; van ént-nuay^ muis en het genoemde j5;ifl■ waarmee ook het land, in tegenstelling mot de hoofdplaats, wordt betoekond: gt; nun^ veldmuis; van k»i.n ot iwix water, (ill '•■f,'^ borst, borsten: .Ijirrnn^r^ oi I^\ melk; van (Uirnx hei-niny, omtinniny, en 7 n ij i.i j\ leven, levend: luinrmmT^iuijjs lenende heininy, bv. van djarak of dadap boomon; van broeder of zuster, en j-j if 1:1 \ vrouw, vrouwelijk : »/■vt gt;f .i»gt; zuster; van het genoemde011 Mi-nfi- (het woord i»^ moeder met hot voorvoegsel ojix (§173):

-ocr page 111-

§ 210. ZAMEXGESTF.f.DK WOOKDEN. !)lt;)

i;ii w\ half broeder of halfzuster, waar ilc kinderen dezelfde moeder maar niet denzelfden vader hebljen ; van iy i r. mensch en t„nï]\ landbouwen:

tKcituMutns landbouwer, hoer-, van i~jiiïï\ houd en miots huid; 6 i hï.i.-i

C7 r» ' (j,

ifo^v zeker soort krekel, onze veenmol; van quot;i suiker en i/nyx steen: ttj ni i:n ï-ij ■ klouljes; van 7?^ iij haar en ) i:n ■ ooy: ly /f? .■ i,kn\ (Jofjhdd/'tjcs; van hoofd en hoofdplaats van een regentschap; .nyi^ir,

a.n/j\ voorstad; van ils riviei' en in zamonstelling zva. lt; i m water, zoomede \.ri.hii inq\ warm: gt;7ud warm water; van veranderd en ö^ii.n

\ verstand: yj lt;-:gt;.gt; j~.i /■h in -\ het verstand verloren hebben, krankzmniij. In alle deze zamenstellingen dient liet tweede woord, om liet eerste, dat soms een meer algemeene beteekenis heeft, te bepalen, van enkele kan ook op de gewone wijze een werkwoord worden gevormd, zoo bv. van het zoo even genoemde ./J i-n int wurm water: 'j j' quot; *•''' quot; ^ warm water drinken, en bij uitbreiding, kollij of thee drinken. Ook met het aanhechtsel gt;.niinj- ^ 69 en volgg.), bv. rj L-y tj }/i,ƒ n£ gt; i.ii? een veeliieid van personen over denzelfden kam scheren . uit ry ^ '3? waarvan ' ' ' y 'j brandhout, lansen, speren of derg. in een hos of bundel zamenbinden en j (quot;(O brandhout.

WJ meervoudsvorming doormiddel van invoeging van den klank ar of al (§ 113), krijgt slechts het eerste gedeelte den klank.

^ 216. Met sommige ontkenningswoordjes wonlen ook zamenstellingen gevormd. 15v. van run-tni of i n? met en 11 j '-l quot;- last, moeite: i hgt; ' j 1.1?\ onnoodig, niet behoeven; voorts uit .Tav. zonder, met schuld:

(litianIJ)t ■KI\ onschuldig; id. met lt;ji jLi i:i i.tj. zva. i;?i t'u getal: mn thj

iijj ihxnmjjy talloos, ontelbaar veel; id. met t'y weg, verdwenen en het

Mal. lëbih, meer: spoorloos verdicenen ; enz. Zoo ook

i a : het mist niet, het zal zeker geschieden, zonder twijfelx n ! i?\

het zal wel niet ol het zal wel niet zijn en ry n niet doonjcian , niet (/lt; -schieden. Al • verder uit itnuini/j zva. .in:i/ ol wat sterker, en het .lav. woord hji ij w (^.Tav. ui 1/ip Kr. van t zva. Sd. ihiruivjMis zva.

njtt f ii ry-ijw Xo^ andere zamenstellingen met nt ui n i j vindt men in het woordenboek. Met het zooeven genoemde ,uni i,i\ t^n mikij niet, wordt ook nog zamengesteld .lh gt;.gt; gt;ƒ in\ zonder manJceeren, onjctwijfeld. Hierbij verdient opmerking, dat als Rasa ol' mooi woord nevens ihnyihi00k

£gt;rebezilt;j;d wordt uirjww

'Cd

§ 217. Sommige zamenstellingen hebben door het spraakgebruik speciale beteekenissen gekregen. Als zoodanig noemen wij hier bv. ^i.nïJi •/)\ tan harte lachen , hartelijk lachen, vim lt;kj i,h * genoegen, ook schik hehhen, en lachen; hu^n iumaar gew. nj^^n 1?gt; tu* of en in

de dorpen ook a ƒ ;i / n n het ydie, ze) gaarne geven ; gaarne van iets, ten

-ocr page 112-

/AMKNCESTKI.DE WOORDl'.N'.

§ 31S.

ion

liL'liot've van ieinaiKl nfsland dom , van liet zoo even genoemde igt;.j ilt;ii\ dat mede de bekrkrnissca heelt van willvj zijn lol iets, er meé geuoegeu urn en, en nni; l/cnisliii in iets, zoudat men niet munnureert, ook zva. .i-.naSihnjj-. '■er/of: •,,:»»£»quot; jongere broeder of zusier van man of vrouw (eclitge-nooten), uit ^ jongere broeder en huik; '-t'/lJ'^ voorquot;

eerst rromc en kind, maar ook, als er geen kinderen zijn, voor zijn vrouw, dc rronw , uit i.j ; kind, en gelromcde vrouw, vrouw. Andere

voorbeeklen lieelt men in u i y) gt;i en 3^**5 n.i.r™»nf m .vu enz. De

lieteekenissen van deze zamenstellingen en van een aantal meer geeft het woordenboek.

^ 218. Niet zelden worden ook de beteekenissen der zamenstellende deelen tot een zamengevat. Zoo liv. van grootvader en

overffroolvnder: gt;--gt; i ^ tij i n ^ vooronders; van kind en .irnafn

kleinkind: gt; - gt; h n j i n m nnkonieliugeti; enz. l^e beteekenis kan ook een figuurlijke zijn, zoo bv. uit r, ry j ivcnsch en vi i.gt;] .tn\ vierkant: ^ uia-jtmv iemand van zessen klaar, iemand die van alle markten C huis is, overal mee te regl kan; uit t.» wtt m.;- oog en ruigt; ij ui\ dug:

het ooif van den dug, d. i. de zou. Een ander voorbeeld is nog luiejmwny waarvan men de beteekenis vindt opgegeven in het wdbk. en waarin mtK is zva. bloem.

§ 210. Opmerking verdienen ook de zamenstellingen met verkorting. Een paar mogen hier een plaatsvinden, en wel vooreerst «no/un gevormd van i.j jgt; ip den en ui ui\ Kw. zva. iets meêirengen of meénemen. Men beziet het voor; onthaald zijnde, bij het terugkeeren ook nog mee naar huis nemen van de rijst of wel van de lekkernijen, waarop men werd getracteerd. Een ander dergelijke zamenstelling is i.lt; un i \ van mi ik \ een en n' üm of wel van het Pass. daarvan iamp;imsm beteekent iets of-

of' doorsnijden, korten, en zoo wordt ün gt; gebezigd voor te zamen deelen , deelen , en wel met den eigenaar van het viseh- of jagttuig, hetgeen men

met behulp van dat tuig, te leen gevraagd en verkregen, ving of schoot.

,,■) c\ o O O O

lgt;V. lt; u t hn i) i,j f) hi jin nu i n tquot;»i li jij) ui »ƒ hii rn \ isn im .vm ? im i on xn Wj (hn

hij ujiK......nifidr de vangst moeten wij te zamen deelen. Niet altijd

bestaat di' zaménstelling uit de deelen van twee woorden, soms worden ook wel eens drie woorden zoo zaamgevoegd. mgt; i.n my bv. is gevormd uit de laatste lettergrepen van de woorden tun ii?i-iup Jav. Spaausche pejter, .Tv. Sd. trassie en hji^ i.uj Jv. ajilu?gt; Sd. zout. Bij

wijze van aardigheid, zegt men wel 'j: i^' i' nj\ d. i. ik verzoek om Spaanse he peper, trassie en zout.

§ 220. Zamenstellingen van den aard als de drie hier genoemde, vallen zeer in den smaak van den inlander. Deze ol gene verzint er een, bezigt

-ocr page 113-

7. A M EX G ES TE LU E W O () 111) E N'.

101

§ 221.

die tot vrienden en geburen, en, maakt zijn vinding opgang, dan wordt het doorhem gelabriceerde woord van lieverlede gebruikelijk in de streek, waarin hij woont. Dat nu dergelijke woorden dikwijls plaatselijk zijn, en niet altijd overal grif worden verstaan, laat staan gebezigd, ligt voor de hand.

l)c Fulunlatief of U'iUende Wijs.

§ 221. Van de verschillende vormen van den Vo 1 untatief beschouwen wij het eerst den Imperatief of de Gebiedende wijs.

Grammatisch wordt deze uitgedrukt met behulp van het hier onder nader te vermelden hulpwoord yeura, zoomede, waar het een Oljvcliccc Impfralicf is, waarover zoo aanstonds, ook nog hierdoor, dat liet met een neusklank gevormde werkwoord dien neusklank verliest. Is dus de vorm van den lui pe rat ie f in liet Soendasch al bijzonder eenvoudig, in sommige gevallen wordt ook nog het hulpwoord wel achterwege gelaten , en dan is de gebiedende toon ol. in schrift, het redebeleid, liet cenige, waardoor het imperatieve der uitdrukking wordt beteekend. Zoo vooreerst, waar men, hetgeen met een redewoordje zooals ii.nj.-nj' ofntiKi) cf wel hijjd^ 1) gezegd wordt, iemand beveelt te doen. Wil men bv. iemand gelasten een begin te maken. dan bepaalt men er zich niet zelden toe, hem op bevelenden toon gt;ƒ xji i.n j toe te roepen of toe te voegen. En zoo ook, waar men nu niet juist dergelijk redewoordje maar een onvolledig werkwoord (§ ol) bezigt. Bv. Gesch. v. Socpèna bl. 73, 13 r. -ri ^] 7:/ icl in? i')cm^\ 7 is goed, herwaarts, kom fj'nmen; Gesch. van Samaoen, ry? f i Ji k» f hoor Hand,

nu begeef jij je naar Mekka of nu moet je (/aan naar Mekka. .Vli^cschcidi^n van deze gevallen is in de taal van het dagelijkseh leven het weglaten van hel hulpwoord geenzins ongewoon. Hv. i, pi. v. n i n] ingt; u gt; n n i n

•w i .ui t iKi /j \ of in^-n rti i u ftiti i)i ti hn in ry u? n) dezeuhriej hre)uj (dien) naar het postkantoor of hreny dezen hr'wf naar het postkantoor , zegt men

dikwijls kortweg: i-yiwji-.h n i.tn.ii kyru gt; ij* Kn /.lt;gt;0 ook i. pl. v.

quot;) quot;gt; / /• quot;gt; gt;

(hit quot;n w gt; (EJ Ci i »» li *) r n #. n h) t li* k) j 01 VJ Y rutii'tj »» r»»

hn f) i ui K),p lett. jfj , h ren (jen dezen Lrief naar hef postkantoor, d. \.Je moet

dezen brief naar het postkantoor brengen, dikwijls * ; m gt;.■ 1 n 1 n m?) j »gt;.1^1

§ 222. Te onderseheiden heeft men twee soorten van Imperatiei.

1) Deze soort redewoordjes zullen in een al'/,ouderlijk hoofdsluk besproken worden

-ocr page 114-

DE VOI.UNT.VTIF.r OF WILLENDE WIJS.

§ 223.

1U2

iKUiU'lijk een, dien uien gevoegelijk een Subjeetieven Imperatief noemt, en waarbij het met een neusklank gevormde werkwoord dien neusklank behoudt, en een ander, den Objectieven Imperatief, waarbij, zooals boven reeds werd opgemerkt, bedoelden neusklank vervalt. In het ! 'ii'! i'! /1 ju y i, ti hi / -li ? kj,^ van de vorige § hebben wij een

Si'J'jvc!Ir/'cji, en in rn '' i gt; gt; ' quot; j i:quot; 11 i.n t. n h' gt; li ? '^gt;1' eeu Ohjcctievcu Tnvpe-;•«//(ƒ. Eerstgenoemde Imperatief wordt gebezigd, waar men «««««lt;/gebiedt iets te doen, en de tweede, de Objectieve, waar men omtrent een of meer ohjecten gebiedt , dat er, hetgeen door den aetieven vorm van het werkwoord wordt uitgedrukt, uiec gedaan zal worden.

§ 223. In het gegeven voorbeeld van een Snhjectieveu Imperatief is er tot meerdere duidelijkheid een voornaamwoord van den 2e persoon bijgevoegd. Dergelijke bijvoeging, of, wat op hetzelfde neerkomt, het bijvoegen van naam of wel betiteling van den toegesproken persoon, is eehter dikwijls overbodig, omdat uit hetgeen voorafging, genoegzaam blijkt, wie de toegesproken persoon is. Zoo bv. Sp. d. J. bl. 127, 8 r. v. o. m

j eni ^ ft ji h ii 2 .mi/jiiy ui t ii C—, h ii t ij i ij rrj ,li % h n .isr^ .hv kii x^j asnjj \ fjeuoey,

krijg (ol liiiiil) (jeld enz., iel. bl. l iO, 3 r. nw-n.izi nionsii^\ ïiicts er vcdi! tja voorbij.

§ 221. In § 221 noemden wij reeds, als het hulpwoord tot uitdrukking van een Imperatief, het ook in do bijgebragte voorbeelden (zie einde genoemde voorkomende woordje om-m in de spreektaal dikwijls zanien-getrokken tot dat haastuj, met spoed, ook wel eens zva. eilieve

beteekent. Het wordt vooreerst gebezigd, waar men gebiedt of commandeert, dus als hulpwoord voor den Imperatief, in de tweede plaats treedt het nog op als hulpwoord voor den zoo aanstonds te bespreken Jussief. In beide gevallen moet het onvertaald blijven. Zoo bv. gebiedendenvijs: un 'ii ii i,i i ii i\ vertrek /

- (V

§ 225. Ook waar men liotl'elijk spreekt, m. a. w. in liasa, in de beleefde taal, wordt ditzelfde hulpwoord nm-n gebezigd. .Men voegt er dan echter voor ii m of .11 i7i rits l/et L belieft, als het U lust, en heeft dan een wijze van uitdrukking, die gevoegelijk een Basa lmperatief kan worden genoemd. De bijvoeging van een beleefd voornaamwoord van den 2e persoon of wel van een betiteling, is ook zeer gewoon. Zoo bv. Gesch. van Samaoen : a'i m dU oui i n lt; n m t.n i n indien het Ugelieft, ga eerst te huis eten; Gesch. van Abd. en Abd. bl. 73, 3 r. i j ' i gt;n 'n' *i i-/ 'i ijj•• indien het U l/ist, neem een bad (of ga U baden); Gesch. van Soepëna bl. 1!), 16 r. v. b. ;quot;i ttii^ 'j ui i.i j' n'' i gt;i' y iquot;' als het L' gelieft, slden, eet. Bij een Objectieven Imperatief krijgt het voornaamwoord of de betiteling ook wel eens vóór zich, het voorzetsel t.n\ door. Bv. Sp. d. J.

-ocr page 115-

IJE VOLUXTATIEV OF WILLENDE WTJS.

10:i

§ 226.

• ) I

1)1. 140, 2 r. V. O. f i tn ii ijti n i L^p

ical (tal iraler hetrefl oi' dat water nu, als J/el U hclieft, drink er ran.

Een voorbeeld van weglating van het luilpwoord (zie § 221) vindt men (ieseh. van Soepëna 1)1. 32, S r. v. 1). gt;»gt;gt;

' j '.V,'nu, indien ht'L h hehaajt, vraag hi'm, icrlliijl,

enz.

§ 226. Van den Imperatief of de Gebiedende wijs is te onderscheiden de .1 ussief, d. i. de wijs, waarmeè men iemand niet zoo zeer gebiedt of commandeert, maar eenvoudig zegt, wat men wil, dat liij doen zal, ook wel wat hij moet zijn of moet bezitten. De vorming heeft plaats:

a. op dezelfde wijze als bij den Imperatief, en bestaat dan het verschil tusschen de twee wijzen slechts in den, met het onderscheid tusschen een gebod en een eenvoudig zeggen om iets te doen, verbandhoudenden toon van spreken. Bv. Gesch. van Soepèna bl. 68, r. 13, .mfn .•!» i?lt;gt;,

.trne~é^*' *iHijir, , doe slechts een keuze uil de einham. De persoon, wien men iets zegt te doen, wordt ook wel eens met het voorzetsel dvor (verg. voorg. f) achter het werkwoord geplaatst. Zoo bv. Gesch. van Abd. en Abd. bl. 10, 7 r. gt; JI 'r I) 1 h n r gt; 111), I) gt; j' I '.}lt;) I n ! j I n: .J1denkt L-liedeti eens de treurige stemming van vaders gemoed. Ken ander voorbeeld vindt men Kitab Dongeng n. a. bl. 5, 4 r.

I). wordt de Jussief uitgedrukt door het hulpwoord of 'ƒ '-'p

moeten, hehooren, het hehuort, het moet, hetzij alleen, hetzij, wat ook wel eens voorkomt, voorafgegaan door een uitdrukking zooals m! w?; i^Vi: n m'gt; het moet volstrekt, het is ahsolunt noodig, bij het werkwoord ie voegen. Bv. Sp. d. .1. bl. 117. 2 r. v. o. m ij .gt;.» „».«.» f,/ t.j ifij hn-ty y J--» ^ ff'J behoort den lieert. God dank te zeggen; kitab Dongeng n. a. 1)1. 32, r.

V. O. I/I l i' ij h'i tl in htt gt; li r- i,ii i'iiif iii .1 11 ii 'i l ij M' '1 hel mod

volstrekt, het moet afgestaan worden (voor den geboden prijs) ann nn/ dat taken, waarvoor wij zeggen: gij moet volstrekt (voor den geboden prijs) mij dat laken afstaan. Andere voorbeelden vindt men gt;p. d. .1. bl. 122, 2 r. v. o., 127, 7 r. v. o. en 135, 3 r. v. o.

c. door het hulpwoord 1) ?.ïi P.iin•• zi ilïot Ziehier ecnige

li Dit rl is wel hetzolfdc woordje als liet Jav. betrekkelijk vooniaamwoonl i i in bedoi'Ule laai mede ih gebruik tot uitdi'ukkinii van ecu (^ualitatievcu \ oluntatiet (Jav. Gr. N. U. § lSOI. Door aaulierlithiir van ' hierover later, werd van rï gevormd kïk)\ en hiervan, door verwaarloozinf: van den keelneusklank ili.iv /.ie ook § 292.

-ocr page 116-

DE VOLUXTATIEF OP WILLENDE WIJS.

104

§ 227.

voorl)eel(lon: (resell, v. Aljd. en Alxl. 1)1. 53, G r. .t/jiet.£,?-kJ.u).pimi en broeder heb ver trouwen m mij; id. 55, G r. v. o,; Sp. d. J. 1)1. 9, 5 r. v. o. ttKÏiii) Li in ydt tj hmS.vn dj i bedenk dat enz.;

id* 135, '2 r. v. o. it.i3.i^i in/ n hijxmi j3 vu/ ,i.ii ti p heb er vrees voor a/s voor i/loeyeiid ij:er; kl. 3, 6 r. v. o. Een andere wijze van het gebruik van .ifi.hi ot' i3; m is die, zooals bv. Gescli. van kapitein Marion bl. 9 , 5 r.//e( l^iict kind) icerrf duur her.i meujebragt nanr het schip, i'i kj u jyi.»J)mi i.n é '

hi i.-! htiMjienj en vervolgens gepresenteerd aan Kapitein Mariou, dat deze het aaniiiihie. Kn wat nu Jan betreft, is nog te vermelden, dat men dit gaarne bezigt waar men deftig of vermanend spreekt. In de gewone spreektaal wordt bet echter ook wel eens gebruikt. Zoo kan men bv. heel goed zeggen: ' j''1 : l '''111 quot; hquot; 1 ' laat oi doe Soera hiel' komen. Lit dit voorbeeld l)lijkt, dat het onderwerp van het gezegde niet altijd de toegesprok ene, dus de tweede persoon is, maar dat het ook kan zijn de derde.

$ 227. Ook waar men een hoedanigheid, gesteldheid ofwel een wijze van doen of zijn beveelt, m. a. w. waar men zegt hoe of hoedanig men wil, dat iemand of iets zijn of wezen zal, welke wijze van uit-drukking een qualitatieven of modulen Volun t a tie f wordt genoemd, bezigt men het hier bedoelde ludpwoord. Zoo bv. Sp. d. J. bl. 53, 6r. v. o. ^ ; i.y ? ^}.)i ij.y i ;ƒ i.n j; i r! ; :-i i n r hoor koetoekkoetoek, wees zoorzigtig: id. 119, 7 iquot;quot; v. o. ; i j^ï lli i y • tcees op me hoede; id. 80, 2 r. v. o.; Geseh. van Abd. en Abd. bl. 91, r. 1, ï ) i ism? yqiki-rjn\ laat lekker zijn het slapen of dat lekker zij het slapen, d. i. slaap lekker; Gesch. vanSamaoen:

^ -V a rgt; O , 1 I

J -i nl.-i 1.11 i r. }. y) j vn I^) ,')y ; I tt i y gt;1 11 r.'i n .1, t lit,} (1, nu we- ajixvn 1.1 ? gt;-)1 ?Val

aangaat hen, die den Islam willen aannemen , doodt ze niet, doet ze blijven een iegelijk in zijn hnis. Andere dergelijke plaatsen zijn Gesch. van Abd. en Abd. 93, 10 r. id. 21, Cr v. o. ook Gesch. van kapitein Marion bl. 18, 5 r. v. o. Tot meerderen nadruk worden gt;,y (zie b) en uatï ook wel eens beide gebezigd. Bv. Geseh. van Kapitein Marion bl. 17, 6 r. v. o.

k:! s in ii i^ in hrit.iigt; \ het moet, weest op U hoede, enz. d. i.weest (met den nadruk) op uw hoede.

§ 228. Ken ander hulpwoord tot uitdrukking .van een qualitatieven Voluntatief is het woordje ii i.hw Bv. Sp. d. J. bl. 24, 8 r. v. o. .t't i.n.Li in * y\ wees voorzigtig; id. bl. 142, 1. r. ;}^-ï lij 1.1J r'l h It 1.1 tfn \ agoes, nebt geduld; id. 1)1. 155, 8 r. v. o. I-u Tri li i.uritt ? ?i n graaft, het zij zorgvuldig, d. i. graaft zorgvuldig, bl. 137, 8 r. u» i:quot;y o,K)y.?quot;j ?.-» ri?,iuj\ eu ik zat het kruiden, ze zij lekker, waarvoor wij zeggen: en zal ik ze kruiden, opdat ze lekker zij of wel zoodat ze lekker is.

§ 229, Betredende m valt nog een bijzonderheid te vermelden. Uet

-ocr page 117-

DE VOLUXTATTEF OF WILLENDE WIJS.

105

§ 230.

krijgt namelijk wel eens het voorvoegsel i-ï. het praefix, waarmee een

Passief wordt gevormd (§ D t). De beteekenis van ichJui is ydast worden.

Zoo bv. Gescli. van Samaoen : ii i gt; i tn t'i i n f mdtc ito \ 'j 11 ij m 11. y uj /Pi j i i:i t n

ijj .t i,ji. i'n i 'i s i:n f j- j }' gt;i ij i'i}} \ indien de vorst wordt (i(i)t(jetïojjfii, dan

moet door je yelast worden hij den Tulam aanneeml, zoomede al zijn troepen,

waarvoor wij liever zeggen: dan moei (jij hem g elan ten met zijn (jeheele

leger den Islam aan te nemen. Een andere plaats hebben wij in Gesch.

v. Abd. en Abd. bl. 126, 1. r. 'KIi:n t n i:;j L-; liJO rn ui\ 1) u(i ajloojt

van het njadji werden ze gelast te arbeiden.

§ 2oü. Een voorbeeld van een concessieven Jussief, ook wel een

Concessief, d. i. toelatende of inwilligende wijs genoemd, vindt men Sp.

(1. J. bl. 152 , 8 r. V. O. li i n j. j 17? i.y tn f! li tin i. ii r_ '' i rrnt-ri h y htu ïii 'i 'n t \

al wie geen schaamte kent, dat hij er toe overga om te liegen.

Als hulpwoord voor deze wijze van spreken en dan soms te vertalen met

laat of laten, bezigt men ook unQiitnj)\ het maakt niet nil; laat maar

hlijven ; het zij zoo. Zoo bv. Kitab Dongeng n. a. bl. 39, 5 r. «n»»m gt;.u

j i-n 11 jij i:y 11 n i.j m t:n r-.\ evenwel, hel maakt niet uit, te rekenen maar

als het loon , d. i. laat dat echter maar in rekening komen, als hel loon;

id. .56, r. 1, '• n I-.' .k J j h n I j 111 .LI r-i.f.ii, i i.] hu) y gt;) m hi f y n r- het zij ZOO,

ik sterf liever dan mij trouweloos te gedragen tegenover mijn meester. Ook

bezigt men wel i'u i.ugt; m j ^dikwijls afgekort tot i.n'm /) otquot; laat

maar, iaat maar blijven. Zoo bv. tot iemand, dien men uitrioodigt wat

digter bij te komen zitten.- / ) 7^i{'■ 'i ' ï iu' ii ?my 'j/j^\\ Antw. ngt;m jinr- gt;pi

■ij iut\ laat maar hier, d. i. ik Ij lijve maar hier of laat mij maar hier

hlijven zitten. Niet zeldzaam ook beide hulpwoorden, bv. c- lh l-j iy li i.ni

ao,)die man, laat hem maar.

w( 'UlJcc*

§ 231. Voor denVetatief, d. i. de wijze van spreken, waarmee men iemand iets verbiedt ol wel ontraadt, beeft men een drietal hulpwoorden. Vooreerst Zoo bv. ni? i.7i i ii\ doe zoo niet, handel zoo niet;

(■— ' V

, quot;) - (O .

itn 7LlJi H ft) H H) J f t \ Xc\ 13 l JA in Ut h 11 yj ICt ij \ t ) tLI f p I l ') * »

tinjj.......die moet je niet zoo dadelijk gispen of gisp die niet zoo dadelijk.

Andere voorb. vindt men Gesch. v. Soepëna bl. 3, 17 en 16 r. v. o.

antliPfihii ot ii:j n i j i:)-n\ eeil ZJllUOnsU'liillÜquot; V.'lll ii~) n i ? llict t 'i gt;, m ()t t»yi\

o- o- r—

ie vroey, bij voorbaat, met overhaasting, is een vetatieve uitdrukking, die men bezigt om in een gezegde iemand te verbieden ot' te ontraden, in liet

1

In «Ie transcriptie van deze plaats vindt men niet disina maar disinyua. Het

-ocr page 118-

DE VOLUNTATIEF OF WILLENDE WIJS.

laatste geval soms ingekleed in don vorm van een verzoek, — iets uk, op dit oogenblik of ua reeds, ook wel :oo haasliy maar te doen. Een enkele maal is de zin ook wel dezelfde als die van xnuijw Voorbeelden vindt men Gescli. van Abd. en Abd. bl. 21, 1U r., 31, 4 r., 61, 9 r. Sp. d. J. 1)1. 7S , 2 r. v. o. en Gescli. van Soepëna bl. 5, r. 17.

Ten anderen wordt als hulpwoord voor de Verbiedende w ij s gebezigd

het woordje o ot gt;gt; i.y t ■ otmoodiy, niet noudi(j, niet behoeven. 1) Het

wordt daar gebruikt, waar men vriendelijk of vermanend iemand zegt iets

niet te doen, ofwel iemand wil beduiden, dat hij zich de moeite niet behoeft te

geven iets te doen of te zijn. liv. ( resell, van Abd. en Abd. bl. 37, 7 r.

gt;■ n t nu} i.n i.n 11 11 i ^ ii} ■, broeder, mtjn tcensch is, kée)' niet tevurf; -^p. d. .1,

bl. 53, 2 r. v. o. ■f i / f'i t ipi ili/'gt; hi/]' bindt den strijd met teijen hein aan;

Kitab Donirenir n. a. 1)1. tt, 6 r. v. o. ü-m MuSi.Tiat in i km h'gt; *gt; \ haal ze 0 = ' ti, - c. \

niet uit met de moeder er bij; id. bl. iü , 11 r.\'. o. .i,u hii tutH^rpCti vt gt;j*n\ int j gt;i n ih ).y j-L-i iii\ je behoeft je de moeite niet te geven verder te spreken, ik begrijp het at.

Een derde hulpwoord is het, van lt;:i een tegenzin of afkeer hebben van iemand of iets, gevormde .-Liujuij/y ook wel met reduplicatie: .i^iLinj »,1,1.17» Hv. Gescli. van Samaoen 11 in ^ .i 11^ 1:1 i.i j ^f j) »1 ni i ^ \ schiet niet te 'ort in voorzigtigheid; Geseh. van Soepèna bl. 5, 6 r. v. o. hu li t-in^ 11 m j i^ lli hpi.ijint },i]\ maar laat er niet wezen, die er getuige van zijn, d. i. maar laat er niemand getuige van wezen; id. bl. 61, 7 r. v. o. 1^ j-n-ri

er'1 ix 1 ( y,bnjvi.i_.7tïvio j,i jij 1:1 hn hi^gt; nij ui 1,iij\ hoor kleinzoon, als ge strijdt met de boetds, houw dan niet bij herhaling toe; Soend. Modellen van versch. brieven door Holle bl. li, G r. v. o. n 111j'' h!i i ; n 1 jy ene.

laat er niemand zijn, die of er mag niemand zijn, die enz. Waar men met nadruk spreekt, nadrukkelijk iets verbiedt, voegt men tot versterking niet zelden l;,7^ 11my ol ii,) 111 j i.:i in^j\ voor het hier boven besproken r) riI gt;\ en Zt'gt :li .7^ .1:1 gt;0/ .ej ru J ol lt;li t:i(tj^i:i an j i.j iti.i^w /00 bv. Kital) Doilgeng n. a. bl. 21, 5 r., zoomede Gescli. van Soepèna bl. 56, i(i r. v. o.

§ 232.

§ 232. Geen eigenlijk redewoord voor de verbiedende wijs van spreken, maar toeh hier te vermelden, omdat het slechts wordt gebezigd, waar men in dergelijken zin zich uitdrukt, is £]/.rm^i.p ga niet voort, genoeg, schei nit, en vriendelijk sprekende.- nn, nu, genoeg ofwel zva. het lloogd. tasz es so gut sein. De stam van dit ttn rn 1 .ui is wel waarvan ook

]) Süintijils is liet ook, uii zulks meje het geval met ipni^\ in een vertaling zva-niet. Bv. Sp. d. J. 83, 2 r. v. o.; Kitab Uougeng u. a. bl. li 5 r. v. o. Sp. d. J. bl. 32, 6 r. v. o.

-ocr page 119-

DE V O MIXTA TI KF OF W I l,l,F,X DE \\ I.I.S

§ 23:5.

I 07

ir»«iK4|gt; dat mede in een toeroep, afgedaan,genoey of derg.kiui Ix'twikcnon. itu.in/ i.i j wordt slechts gebruikt, waar men iemand zegt met iets niet voort te gaan, hem zegt om uit te scheiden, liet heeft, zooals reeds werd opgemerkt, op zich zelf geen vetaticven zin en moet het daarom wel onderscheiden worden van een hulpwoord zooals irjuij of ?11 mgt;w Zoo bv. (lesch. van i^oepeiui hl. 7-j, 8 r. ; it m'i.t n i.ys i i 111 'ki i * j j\

genoeg nu moeder of' schei nn uit moeder, ween niet. Een ander voorbeeld is rl/cm/:ki j\ iu?mm? gt;m in^\ gu niet voort, het its nu at avond. Opmerking verdient verder nog, dat gt; ]gt; rn; ».; i- het aanhechtsel kan krijgen van het causatief werkwoord en dat men hv. kan zeggen: r mt i,-c i.y it in gt; ih hie- ij in ij i:i j,i \ doe die rnen-scJien uitscheiden met werken. Een pass, vorm .iPt .Litcnii iJiMi j' hestaat niet.

§ 233. Alvorens tot de bespreking van een anderen vorm van den Vo-luntatief over te gaan, moeten wij nog even stilstaan hij een paar woordjes, liet eerste is iugt;.n\ of met herhaling: ri \ Het is een

versterkings- of aandrangswoordje (^n kan veelal teruggegeven worden met het moet volstrekt of wel volstrekt, cok wel eens met toch. Veelvuldig wordt het zoo tot versterking gevoegd voor het hierboven besproken veta-tieve hulpwoord ook wel, maar volg. sommigen is dit minder goed,

voor het Jussieve hulpwoord (f 220 ]gt;). Bv. Gesch. van Soepena

hl. 9, r. 3 ' I' y' ij] ? 11 i) 111 ' 1 :i gt; i;i ƒ r* I u I u gt; rj in gt;r- It.} :i.j r 7 i.i. hoor kleinzoon , heh volstrekt geen vrees, ik ben je grootvader. Men moeter op letten, dat het hulpwoord i) n ij wel eens ontbreekt, en men, in plaats daarvan, het voegwoord ir', gt; met vindt gebezigd, liv. i n gt; i (of iUIt :U ,1.11 tl} lW ? ij? i ] tn jr rnuyilinj verltes volstrekt (of toch^ dat 'jeld niet. aar men, zonder equot;n hulpwoord t(^ bezigen, bevelend er wij ze spreekt, wordt iagt; ; i (of .vu n.m n) ook wel als versterkings- of aandrangswoordje gebruikt , bv. (uii .'i i gt; ik i ij ij ihii t ui tn lt; j^i ! i oedjang, handel toch overeenkomstig vaders lessen. Ook wel bij een verzoek of bede, en dan kan men het vertalen, door met den meesten aandrang, bv. .m 11 n gt; t i j^-i t 'n ij} i hi /, n t n i. n i j i i j\ met den meesten aandrang vraag ik om voedsel. Gevoegd voor S] of ti A (zie § 32(5 c) is het wederom zva. toch. liv. 11? ; i i^i in ij ia t l ri n 11,; jgt; /aal toch groot zijn Lw deernis of wees toch grootelijks barmhartig, bv. met mij, die enz. Evenzoo x u n bi. r^ wees toch voorzigtig. Kindelijk moet, als een

eigenaardig gebruik, dat men van .vigt; h.lu i i maakt. ook nog vermeld worden, dat het wel eens geheel achter aan, aan het slot van den zin, wordt geplaatst. In zoo'n geval kan men het, met een nieuwen zin, teruggeven door: Hel is mijn uitdrukkelijk hevel, t. w. hetgeen zoo even werd gezegd, men kan het ook, en dit schijnt meer in overeenstemming met het Soen-dasch taaleigen, in de vertaling teruggeven als stond het voorop, en

-ocr page 120-

DE VOUJNTATIEF OF WILLENDE WIJS.

§ 23-t.

lus

dus met volstrekt. Een voorbeeld vindt men Soemlasehe modellen voor verschillende brieven door Holle, brief'li. l r. v. o.

liet tweede der bedoelde woordjes is ,üi ilIi ilt;/j\\ Evenzoo als luli Mir.i is het een versterkingswoordje, imiar, voor zoover mij bekend, wordt liet slechts gebruikt bij een, met behulp van 17 711^ uitgedrukt verbod, lïv. £gt;1 lt;li /1.-\ ? .gt; i.j ut j in fen in .i.jtti j hu i i'f/'t tl l/ct ro lx t/'fl' t n it't. til tl, waai'-

voor wij zeggen : ye moet het volstrekt vertellen. Andere voorbeelden zijn :

111 quot;) D ; 1 quot;gt; n n n s

.l.t ? .LI f I--: ? .gt; I.) ttttilt t.l (T- 1lt; II j\\ I t ? II gt; l:\ t 1 7.7^ trj'H tri Ij ht -J I) 7LÏ ^ ,1 II i^llWI njl I I It:)

hti hu t^ii hjij i n Enz. Het laatste der bedoelde woordjes is gt;ngt; ki a Het is een versterkings- of aandrangswoordje van den aard van Li/ri\ maar zachter of gemoedelijker. Overigens wordt het, op dergelijke wijze als dat laatste, gebezigd bij een verzoek of bevel, en men kan het dan teruggeven met dan toch, (Ion toch maar of wel met te winste maar. Zoo bv. tot iemand, die niet wil vasten: tn t }*!i.i.ii ? 11 f w ? gt; ij ht ^ 11 111.1 lt; vast dun toch een day ol vost te rniuste maar eeu day. Evenzoo ingt; 7gt;'i j ry 7i;m ^-t t.n n i! idoe het dan toch maar of te minste maar tens per maand.

Gevoegd voor ïti kan nitnii?i/hi\ evenzoo als .tn ti luu overgezet worden met toch; eindelijk kan het ook tot versterking gevoegd worden voor rmii en dan ook evenzoo als tut*■gt;mien MnJiixtt vertaald worden met volst rel' t. Bv. kw m r ij uw ' n 1*1 gt; 1] 11 1 jn 1 ? i.n 17.77.] j-t-i ihi gt; tje moet het volstrekt mededeelen aan Ahim.

§ 234. De Optatief d. i. de wensehende of biddende wijze van spreken, heeft tot hulpwoord het woordje */777 of dikwijls

voor den nadruk of tot meerderen aandrang herhaald. Vertalen kan men het hulpwoord gewoonlijk met ik hid of ik smeek, ik bid U, wees, ook wel eens met moye, het moge zijn of wel met dat. Zoo bv. Sp. d, J. bl. 1 i i), 8 r. v. o. ƒ ili t ri '^IV ^'' wwst op

C'io hoede; id. IT, -t v. o. I ^-1 gt;' lij t ^ JI ni r t-ii 111 II tl 11 l'/J'' 1J ^

ach lieer, ik smeek er zij Uw Jloot/heids verijiffenis te)i opziyte van mij,

d. i. ach Heer, ik smeek Lto llooyheid om vergiffenis; id. 65, 10 r. v. o. 1 1 3. . , - 11

I I I. I h I l'l I. Ij l I t I .±1^111 Tl . I-^I 1,1 J 3^) .1^1 II HIJ KI l.llj J^yJ Ito h II ff H III f 11 yihll i.y

mimijn hede is: U en mijn kinderen moge de lieert God ze beschermen; id. bl. I 10. 1. r. i t 1 n i-11 111 ij iy 11 ,11 r' ' 7 1111 n 11 j 11111 * ij gt;quot;.n 1 m 1.liki 1.1'n 111 j.j 111 tut', en moge V voortaan deze les niet vergeten: enz. 5 (fescli. van Abd. en Abd. bl. 57, 4 r. ti ui m ii: j ilir~rn u it_^' mijn bede is, het moge spoedig zijn of dat het spoedig zij; id. 51), 1. r. ^i rti^ i-mnm

7 O 7 , ri Cl . Cl

.IJ 7y I y tti/J 1,11 ILI ij 1.7 '771K) J tji t II l/l f t I hl J .'I iltf llfKIS^ 7(M ^ ' t It 1 t'l ? 7 ï J 1 - 7 171

ttt/jy wal meer is, Gode had, dat hij den wind nwgt doen omloopen. Andere plaatsen zijn bl. 25, 0 r. v. o.; 55, S r.; 73, 10 r.; 155, 6 r.; (iesc^h. van Soepèna bl. 10, r. 1; 33, 10 r. v. b. zoomede Gcnlür.v.0. llegellG

-ocr page 121-

Dl'. VOUiNTATIKI' O!' \\ n.l.F.N'DE \\ t.lS,

109

§ 235.

van j^ezcg'de IjhulziJdü 33 vindt iiieii rt mt iliaynt r hn o^jah »~\ o^j rui iLu it li (fa gt; ii.j irlt; ifi h n .1 n oCl 'H.i /j w Ijlt deze ])lji(it.s hlijkt, dut /ƒ mr ook gebezigd wordt gcliccl als ware hot een werkwoord, liet heeft dan de beteckenis van Aiiemj)\ d. i. smeelren. De aangehaalde zinsneden beteekenen namelijk: en vader smeekt (of ik smeek') den 11 cere Verheven God, enz. Een dergelijk voorbeeld van ■ io'?.r als werkwoord, vindt men op den 2o regel van meergenoemde bladzijde.

Ook tegelijk met •;iSi ( 22G c) wordt iri gt;h ol 'f rtix soms gebezigd.

§ 235. Ons blijft nu nog een onderdeel van den Voluntatief te behandelen, namelijk de Propositief, d. i. de manier, waarop men zich uitdrukt, als men zeyt ionl men wil of voorheeft te doen of wel een ander, hetzij alleen, hetzij met zich, iets, dat men wenscht dat zal rjeschieden, proponeert of voorstelt te doen. Een propositief kan dus zijn enkelvoudig of meervoudig, ook is bij deze wijze van spreken wederom een suhjectieoen en een ohjectieven vorm te onderscheiden, mede wordt in sommige gevallen een hulpwoord gebezigd.

§ 230. Waar men slechts het oo;;' heeft op zich zelf, m. a. w. xcaar men eenvoudig zegt, wat men wil of voorheeft te doen, gebruikt men geen hulpwoord. Men bepaalt zich dan tot het beziyen van ook wel beide betee-

kenend willen, voorhehlen. Zoo bv. Gesch. van Soepen a bl. 27, U r. v. o. de vorst zei de: komaan geef hier den irief, ij-r, rnuou.^ ku r) hi\ ik wil dien lezen; Gesch. van Abd. en Abd. bl. 73, 10 r. v. o. stel het mij maar ter hand, ij 'gt;i i.n m .'7^x,no,i j Kir- r ik wil het heel sekuur wegbergen. Evenzoo ^ m j. n ^ miimnh\ ik wil naar linndoeng gaan of mijn voornemen is om naar Bandoeng

CyJÏ

te gaan. Sprekende zooals in dit laatste voorbeeld, gaat wel een voornaamwoord van den le persoon voorop.

§ 237. Wordt, zooals gezegd is, in dezer voege sprekende, geen hulpwoord gebezigd, waar men een voornaamwoord gebruikt, wordt ook niet zeldzaam het zoo even genoemde y gt;)i,ny of maar weggelaten. Zoo

bv. Sp. (1. J. 1)1. 149 , 9 r. V. O. ini ' i y / ' ijm i n i y I n' }.) -j t u try gt;i )igt;

i dc- \ deze hoeici wil ik aanbieden aan mijnen heere den demang. Men heeft hier een Objectieven Propositief, er wordt namelijk van een bepaald voorwerp als object gesproken en mitsdien ook de neusklank van het werkwoord weggelaten.

§ 238. 1'roponeert men of wel spoort men iemand aan, iets, hetgeen men verlangt dat zal geschieden, te doen, dan gebruikt men een hulpwoord. Dat kan zijn tquot;gt; f\*ij ot ilvnhnj ook wel eens ?y j m \ voorts tï ot i l 111Ook i )' rn kan men bezigen liv. n / i fiM\ 1 ?) i'|; ï.y 11 n'

ii y jn\ komaan, lach eens, ik begeer te weten hoe je tanden er uitzien, zoo zegt men wel tot iemand, die strak blijft kijken, terwijl al de anderen lachen.

-ocr page 122-

DP. VOUlKTATtEl' OF wn.I.EN'DE WIJS.

110

§ 23i).

§ 1 let hulpwoord voor den meenoudigen of beter gezegd, coUec-

lii-cen Propusilicf, is t nnp s. from, lafen ice, met t't tu of ciigt;n\ lgt;:isa.

llet vooniiiamwoonl is het hoven reeds «renoeinde i.j-igt;\ dit wordt name-

o-

lijk ook gebezigd voor wij, ons. Zoo bv. Geselt, van Samaoen: de Patih

zeide : indien ÏJ ht-t (jovdkeuvl, :gt; tn gt;11)1 h]igt; hl Sn I:; .t-yryn ill ^ /'Olil , laten

wo een /strijder afzenden; (ieseli. van Abd. en Abd. bl. 7, 10 r. v. o.tK,]z'im nvfi

xjƒ i 'i fj'\ n» i.i 'u •HTjjskomt, laten we hem verzoeken om hoMdeUkapitaal; id. 83,

10 r. i n iaj y n u ■gt;gt; h n'), i r— \ hom , laten we hei aangeven; id. 7 r. v. o.

Si *1 i.n ij'-n mzij i j-t'i mei'i ngt; 7.i in-^i t,ii: i J kotn , laten we //eden

arond onze opwachting gaan make}! bij den kroonprins. Andere plaatsen

zijn 1)1. 151, 4 r. v. b. en 9 r. v. o. 1) Maar zeer dikwijls wordt ook bij

den meervoudigen Propositief het hulpwoord weggelaten, liv. Kitab Don-

geng r u. a. bl. 15, 6 r. in* gt;.111' ;.j .'ï/w j '■/ ii hn ii imc- \ en nu Ooine,

'r- '

kom laten we maar naar het dor/) gaan; Sp. d. J. bl. 3(5, 8 r.

i ij i_i-ri11, n gt; hi j en het geld, kom , laten we dat deden. Hier is zelfs het voornaamwoord i j i ook weggelaten , de reden is evenwel ireen ander als

dat in de voorgaande ziiisnei 11': i n gt; lt; gt; 11 ;■»j lmjt v'; »?t' ?■ n }ii ? /7) ; ; f i ii ,i^n i•

rA * Cl. /

lt;lat voornaamwoord reeds voorkomt en het geheele redeverband van dien aard is, dat het spreker onnoodig voorkomt, het in de volgende te herhalen. Verdere plaatsen waar het hulpwoord ontbreekt, zijn Geseh. van Abd. en Ahd. bl. 7 , 11 r. en 173, 10 r.

§ 240. Opmerking verdient voorts, dat spreker zich ook nog wel eens zelf noemt. liv. Geseh. van Raden Sapri, nadat meegedeeld is, dat de

vorst den patih en de beide prinsen deed ontbieden; w d

o s . . , a / ■gt; '

/ hiii i ii in rn i } / :i }■} i\ i j llt; \j. -i m t ici 1.1ili i} i'•quot;gt; » .n i'ii IJ \ gt;i i ii i v IJi i:i

i i I ii/11 I'ym ii\ de patih zeide tot Sapri en Tndra Kangsawan: Oedjang's, nu worden wij door Uw vader naar het paleis ontboden, komt, laten we onze opwachting gaan maken. Zooals ook de inlander getuigt, zouden de «oorden tkt i n lm met vader (do patih noemt zich hier met .™«ji) zonder bezwaar kunnen gemist worden. Ze zijn als een, voor de duidelijkheid van den zin niet noodzakelijke toevoeging of repetitie te beschouwen. In de gedachte behoort hier namelijk achter i.i Q/ajiu n^t inij ingevoegd te worden de betiteling yi ik of wel een voornaamwoord v. d. 2e persoon, zoodat er dus eigenlijk staat : komt, laten we onze opwachting gaan maken, oed-

1) S|). d. J. bl. 10G, 2 r. vindt men /i nn i, y n ij ' i rn ry ' 11, n j \ als itr! V hc-hcfi, ik wil het tja an wegjagen. Men heeft hier een ciikelvoudigen Propositief, en treedt ii m liier niet op als hulpwoord. Het is een afzonderlijk zindeel.

-ocr page 123-

TIE VOLUNTATIEP OF WTM.FA'DE WIJS.

jan^s (oi' gijl.) mei vader (mij). Vorenstaande plaats is te vinden bl. 117, 10 r. v. 1). van de //Bijdrugen tot de Taal-, Land- en Volkenkunde van Ned. Indie, uitgegeven van wege het Koninklijk [nstituul, ter gelegenheid van liet zesde Internationaal Congres der Oriëntalisten.

§ S-H. In plaats van het voornaannvoord i.; Vi bezigt men ook wel het collectieve redewoord il/iuix s. b. Zoo hv. Sp. d. J. 1)1. 17,

G r. v. o. 'i;i t l.1 ij) ! 1 ,V' '■quot; i ■' i' kom, Ifileu ice on-t in die put wer

pen. En omtrent het hulpwoord wajti wordt hier nog opgemerkt, dat daarvoor niet in de plaats mag gesteld worden het nagenoeg gelijkluidende itnvijt of .immip w Hoewel niets anders dan i n n-j met een gewijzigde uitspraak, wordt of ajnw/j slechts daar gebezigd, waar men hi-ve-

lender wijze spreekt, Hv. i:n in? gt; t.ntjii t.tu hi ~n m ij ïi t\ koiiinnn , maak je ran de kip meester. Verwisselbaar zijn tmuui en mnxu»; echter in zekeren toeroep, om het te gelijk opnemen of het te gelijk voortrekken van iets dat zwaar is, te bevelen. Men bezigt namelijk nevens m iii^ro Ci ook n»

nJUj J M .ï'/NN

DE VOOTIXAAMWOOllDEN.

Persoonlijke voorn a a m w o orden.

§ 21'2. l)c persoonlijke voo rn aam woorden v an den eersten persoon, enkelvoud, zij n de volgende:

§ 2 U.

huijj /Li of mirrt 7u (sp. uit : kaoula), ook wel eens iry rt^ ik, mij. De eigenlijke beteekenis is dienaar, liet wordt gebruikt, wanneer men liollV'l ijk spreekt tot een gelijke, ook tot een mindere, aan wien men eerbied is verschuldigd of dien men beleefd wil toespreken. 1) Hel wordt zeer dikwijls

1) Het is welligt niet ondienstig hier op tc geven, welk voornaamwoord van den eersten persoon enkelvoud, door Europeanen, meer bepaald door Ambtenaren bij het Hinnenlandsch Bestunr, zoomede particulieren, behoort te worden gebruikt in hun aanraking met Inlandschc ambtenaren en beambten. Daarom het volgende. Ken kontroleur, Soendasch sprekende tot een Inlandsch Ambtenaar of beambte, kan, zelfs tot den Regent of Patih, gevoegelijk u-nrjn) bezigen. Gemeenlijk zullen die ambtenaren /ieh ook met dat voornaamwoord aanduiden, eerstgenoemde ook wel eens met

-ocr page 124-

nr. VOOI!Nquot;A.\MWÜORDKV,

112

§ 21.2.

vnrljoiuleii met het Arab, woord lichaam^ tot 1^11 i yi a )

hi ()l '/.J ƒ■) ni\ ook Wt'l lllct ul korlillg; ; i r'l t'j ii1 \ ^ 17 j) iii ot n-1it i w

(ielijken in rang, hv. twee distriklshoofden. zullen er zich doorgaans van bedienen, over en weêr, indien te minste niet bijzondere betrekkingen van bloedverwantschaj) of wel de omstandiglieid, dat de een van veel liooger ai komst is, den anderen noopt zieh met een nederiger voornaamwoord aan te duiden. Zooals blijkt, bv. uit brief n0 30 van llolle's Jlodellcn van verschillende brieven, wordt het echter ook wel, door voorvoeging van i.yj\ dat evenzoo als lichaam beteekent, wat nederiger gemaakt, door

een zoon tot zijn vader gebruikt.

2. dat evenzoo als mtjiuv dienaar, beteekent. Het is het gewone voornaamwoord sprekende tot een meerdere. Het krijgt mode zooals i.HtqiLi soms een Arab, woord voor zich, dat lichaam beteekent,

b

namelijk i£aj.zi/ (Ar. cn dan wordt of met afkorting M J.»'?)-

o. a. gebruikt door den dorpeling, sprekende tot zijn loerah (dorpshoofd) en door laatstgenoemden nevens iSnJ f i ™ tot het onderdistriktshoofd, zoomede tot het distriktslioofd. Ook kinderen sprekende tot hun vader, duiden zieh wel aan met iSi^ivj^iw

O ✓

3. (Ar. dienaar'), nederiger dan het zoo even genoemde ^ 'riw Door voorvoeging van (ixm fi/j wordt het zulks nog meer. Hét gebruik van komt, behalve dat het zooals gezegd werd, wat nederiger is, overeen met dat van f bepaaldelijk is het ook nevens

letterlijk 's vorsten dienaar of uw Hoogheids dienaar, het

j)y}\ hetgeen hem tegenover een koutroleur geoorloofd is. De Ambtenaren beueden den rang van patih , zullen, als de koutroleur zich met itmivptu noemt, uit eigen beweging van zich zelf een nederiger voornaamwoord gaan gebruiken.

Een Assistent Resident behoort, tot den Regent of patih sprekende, zich insgelijks te noemen met hnyjiww Tot een distriktslioofd en mindere ambtenaren bezige hij v Is de toegesprokene een hoofd van zeer inferieuren rang, en zijn er termen om wat minder vriendelijk te zijn, dan kan hij gebruiken.

De Resident mag, sprekende tot Regent of patih, zich noemen met hiii£i\ en zulks kan hij ook gevoegelijk doen tot een distriktslioofd. Tot al de overigen is geoorloofd.

Wat particulieren betreft, hangt het natuurlijk af van den voet van gemeenzaamheid, waarop zij staan met de inlandsche ambtenaren, van welk voornaamwoord zij

zich behooren te bedienen- Veelal zullen echter ook zij kunnen volstaan met i.nn.jru

c-

of wel met tx nnohtw

*'K/Z

-ocr page 125-

DE VOOKMAAMWOORDEN'.

voomaiirawoord, wuanueê men zich noemt, sprekende tot den Regent, liet wordt ook wederom afgekort tot

•k r^ji i.np dat vooral in de dorpen door gelijken wordt gebezigd, ook wel door iemand, sprekende tot zijn jongeren broeder. .Deze laatste behoort zich dan te noemen met of wel met Zonderling

is 't, dat vrouwen en meisjes dit voornaamwoord niet mogen bezigen , waarop dit steunt, is mij onbekend.

Van de persoonlijke voornaamwoorden eerste persoon enkelvoud , waarmee men zich aanduidt, sprekende tot een geringere, is het minst uit de hoogte :

a. i.Win wel hetzelfde woord als het Mal.^^) orang, persoon, ind'mdu, mensch., lieden. Wij maakten boven, bij de bespreking van den Proposi-lief, reeds kennis met dit voornaamwoord, en zagen daar, dat het ook gebezigd wordt als pers. voorn, van den eersten persoon meervoud, dus voor 70 ij , ons. Hieronder, bij de persoonlijke voornaamwoorden van den 2e persoon, zullen wij nog een eigenaardige wijze van gebruik van dit rtp-Vi hebben te vermelden.

Dan volgt

Ij. hetzelfde woord als het Mal. kam i, wij (zie de Mal. grammatica).

Wel plaatst men, dit voornaamwoord bezigend, zich veel hooger dan de toegesproken persoon, en kan het dus slechts gebezigd worden tot iemand , die veel lager in rang is, maar het is toch vriendelijk, liet wordt ook wet gebruikt door den man, sprekende tot zijn vrouw, en bij hetgeen er reeds van gezegd is in de noot aan het begin van dit hoofdstuk, kau hier nog gevoegd worden, dat een Europeaan sprekende tot zijn bediende, er zich ook allezins gepast mee kan aanduiden.

Eindelijk noemen wij hier nog:

c. Q^itrnw Dit is zeer uit de hoogte en mag mitsdien, zonder aan de wellevendheid te kort te doen , slechts gebruikt worden door zeer aanzienlijken , sprekende tot geringen of tot personen veel lager in rang. Ouders mogen er zich ook mee noemen, sprekende tot hun kinderen. I it de omstandigheid, dat het zeer uit de hoogte is, volgt als van zelf, dat r» al heel spoedig of doorgaans het voornaamwoord is, waarmee iemand zich noemt als hij een ander beknort, met hem twist, enz. Het is dan grof.

Waar men bij zich zelf spreekt zoomede in een uitroep niet gerigt tot iemand, is voorts tin het gebruikelijke voornaamwoord. Minder gewoon , en dan ook nog slechts bij zich zelf sprekende, is hiircl\ terwijl \ naar het schijnt, slechts zeer zeldzaam zoo wordt gebezigd.

§ 2-1.3. Het behoeft nauwelijks te worden gezegd, dat, naarmate men zich nederiger, meer onderworpen enz. wil uitdrukken, men ook een nederiger

8

§ 243.

-ocr page 126-

de voornaamwoorden.

Ill

§ 344.

voornaiunwoonl gebruikt. Zoo zal bijv. een bediende, die zich, sprekende

tot zijn meester, gewoon is te noemen met i.n ol i.-; ; r n\ niet zelden h j . ' ul

of «.-c Si i;»i\ bezigen, wanneer hij een verzoek doet, om vergeving vraagt voor een misslag of derg.

Ook moet nog worden opgemerkt, dat men in de dorpen, bij de keuze van het te gebruiken voornaamwoord, dikwijls niet zeer nauwlettend is, en eindelijk nog dat kinderen, onder elkaar, bv. spelende, gemeenlijk zich noemen met ó» ™ of wel met i. n iii w

Over iJi m zoomede i-1' gt; '■quot; j *' lt; j' ^ i i u : 3 enz. zie ^ 254 en volgg. § 244. Het persoonlijk voornaamwoord van den eersten persoon weervond

is het reeds een paar maal genoemde tq-iiw liv. Gesch. van Abd. en Abd.

e-

bl. 151, r. 1 hii aji vni i'ii n hidjii htj\ tf i n iiiê jn i ) n ih/j.iiv

Ki t 7 i 'i hj j htm ttf f hiji v.n£rirw cli \ inyic) n i n ï u i. n * 'jt-y 1 tfontnp Dj(tpat' zetdc : hoort eens broeders, nu hebben wij reeds zeer Inni/en tijd onze ouders rertaten, en zulks terwijl wij geen succes hebben. Zooals ook uit dit voorbeeld blijkt, sluit den toegesproken persoon of de toegesproken personen in. Sluit men den persoon , tot wien men spreekt, uit, dan bezigt men als pers. voornaamwoord v. d. Ie pers. mvd. het persoonlijk voornaamwoord le persoon enkelvoud met hniji:ngt;\ s. Mici tiis is. alle er achtergevoegd. Zoo bv. bl. 7 , r. 2 v. o. der zoo even genoemde Gesch. van Abd. en Abd. waar kinderen spreken tot hun vader: J / ^ ^1' ^^^ 'j'' ^ 1,1 ■' i n ? 7 f.

^ ïJix^liijM/ iïrvi.vi--n£gt;gt;kt iuji\ in eerbiedige beantwoordiny van Vice vraag moge dienen, de reden, dat wij voor U verschijnen , is, dat we het verzoek wenschen te doen, om beschonken te worden met geld, om handel mee ie drijven.

Dat het voornaamwoord , waar de zin er niet onduidelijk door wordt. ook wel eens wordt weggelaten, blijkt uit hetgeen we vinden bl. 155, 5 r. v. o. Daar toch lezen we: 7J* j,jj* '1'/■! ^1 'J'^ i-quot;t-7'i^111'117nquot;rm-i ^ 1) wij vertrokken uit Si/rie. Dat de auteur zoo zou geschreven hebben, omdat, door de opnoeming van de broeders afgeleid, hij daar spreekt, en niet Djapar laat spreken, is, met het oog op het volgende 1 jquot;'quot;! ^ vader, niet wel aanneemlijk.

§ 245. Van de persoonlijke voornaamwoorden van den 2e persoon enkelvoud, mag in de eerste plaats genoemd worden:

wrjMi^ s. gij, ge of je, I1--^I} hj 1 en 'i-A gt;■gt;!'lt; b. of wel h. l. U. Hoflelijker dan ;.itjutgt; is het, van dit laatste, door verlenging met het aanhechtsel m\ na, gevormde izi Zoo zegt men, geen hooger

1

moet ouverta;ild blijven, het ilieut hier tot niets umlers dull üiu een

-ocr page 127-

DE VOO RNA A M WOO Hl) EN.

voornaamwoord willende Ixi/.igen, maar toch eenigzins hofi'elijk willende spreken , bv. J M )j 'J t,^]/1J _'i ^ in? ? I ij }n gt; i n 1:1 iIj ? im l i j* wie is van plan opreis te gaan, uV) of JJjiam? liet wordt voorts gebezigd doorecht-genooten over en weer , en dan niet zeldzaam afgekort tot jo •gt; Zoo bv. in antwoord op een vraag van den man; lj i i ?, j ^ \ gt;, u ; i ti i:tt / /] /1. n lt; n i.quot; ij i i^ij• vroKW, voor wien is dit eten bestemd? antwoordt de toegesprokene wel 6ï2i i.m ms i. pl. v. ö.i; i.ni f i y ^ hi\ voor u. Bepaaldelijk door de vrouw, sprekende tot liaar man, wordt ook zeer dikwijls gebezigd liet bovengenoemde j-4in/hnj\ op dergelijke wijze als ijtn^ met to verlengd tot « en ook wel !gt; \igt; gt;jidat desgelijks met to gevormd is van n

2) Omtrent ht.iPmon/j\ kan nog opgemerkt worden, dat het mede als titelatuur gebezigd wordt, in liet opschrift van een brief, bijv. van een zoon aan zijn vader. Een voorbeeld heeft men in brief n0 30 van llolle's modellen van verschillende brieven.

§ 2-1)6. Andere voornaamwoorden van den 2epersoon enkelvoud, zijn:

o3*m\ jij, jou. Hetgeen betreffend^ s^i'n (j 242 c) is opgemerkt, geldt ook voor tTnuw Ouders mogen het bezigen tot hun kinderen, en zeer aanzienlijken kunnen zulks doen, sprekende tot geringen. Zoodra zij echter zoo'n geringe maar eenigzins vriendelijk willen toespreken, moeten zij zich van een ander voornaamwoord, bijv. van n^gt;ogt;s bedienen. Kinderen gebruiken het over en weêr, zooals zij ook uiTit of i,n S bezigen (§ 242). Twistende, scheldende of iemand op ruwe wijze beknorrende, is .mui alligt het voornaamwoord van den 2e persoon, zooals asttr» dat van den eersten.

l]cn vriendelijk voornaamwoord van den 2« persoon, waarmee echter, omdat het te familiaar is, meerderen niet mogen toegesproken worden, is r)J u i im \ een zamentrekking van vriend en zoodat het dus

eigenlijk beteekent mijn vriend. Men acht liet ongepast, dat vrouwen en meisjes dit voornaamwoord gebruiken. Verg. boven § 242, 4. In plaats van i3 lui'n zegt men ook wel i n nn-nw

Het Javaansche voornaamwoord van den 2e persoon i-i i/ n i lu wi^ wordt ook nog al veelvuldig gebruikt, Het is in het Soendasch een beleefd of iioltclijk voornaamwoord, maar meer ook niet, en dus tot personen, veel hooger in rang dan men zelf, is het minder gepast. Voor het overige is

1) Hoewel /1 y ui ji/i niet lieuleinaal u is. beu ik toch genoodzaakt, ten eitiJe eeuig oiulerscheiil te hebben, liet daarmee te vertalen.

2) Ken voorbeeld vindt men §251, ik heb bet daar geplaatst, omdat wij sprekende zooals ile vrouw daar spreekt ■ veelal gij zelf zegden.

§ 24G.

8*

-ocr page 128-

l)F, VOORNAAMWOORDKN.

§ 2i7.

I It)

liet ochtiT moeijelijk, een vasten regel op te geven voor het gohru:k van dit voornaaiuwoord, men leeft er vrij willekeurig meê. Plaatsen waar liet gebezigd is, zijn: ï^p. d. .1. 1)1. H, 1 r. v. o., id. 117 , 8 r. v. 1). en -!• r. v. o.; id. 125, 8 r. v. o. id 132, 2 en 3 r. v. b.; id. Ml, r. 1 v. b. ftescli. van Abd. en Abd. bl. 73, 3 r. v. o., id. 179 , 5 r. v. b.; Kitab Don-geng r noo araneh bl. 7, 2 r. Enz.

Hierbij kan nog gevoegd worden , dat het onder het volk gebruikelijk is, iemand, dien men niet kent, aan te spreken met u -i Voorts moeten nog genoemd worden;

iïihet is beleefd, maar komt als zijnde verouderd, weinig voor. w 1,1 min insgelijks een hofl'elijk ofwel vriendelijk voornaamwoord, men kan het gebruiken tot een gelijke en ook tot een mindere, dien men vriendelijk wil toespreken.

j* cij.il j\\ Over het gebruik van dit woordje, bij wijze van pers. voornaamwoord, zal hieronder het noodige worden gezegd.

Hetzeltde woord als het Mal. kita, icij, met insluiting van den toegesproken persoon, is kti«n\ dat in poëtisch Javaansch ook de beteekenis heeft van ff ij, «. Het wordt zoo goed als niet gebruikt, op Eandoeng zou de Regent het soms doen.

§ 247. Ten slotte moeten wij als voornaamwoord van den 2e persoon ook nog vermelden het, als voornaamwoord van den eersten, reeds herhaaldelijk genoemde Men bezigt het tot een gelijke en ook wel tot een mindere. Zoo bv. zegt in de hierbij gevoegde zamenspraken (bl 2U, r. 1) de eene

, ,1 . O quot;) O Cl

koopvrouw tot de andere: 1.71 e- ld ith -n ij j m i hn \ rui ia ^1 ^ un

im2 m \ a5)i u) arf Eji Jj .■ i-ii w /7^1 am\ koe (jcicit het s nachts met het goed, wordt het hewaard door den eigenaar of bewaar jij het maar? Zie hier nog een ander voorbeeld: ku in ij asu jis mi 1:11 'd mj .1:^ n'^ \ hoeveel hedraayt Aioetahars Ijeialinr/ per maand? Antw. iSm /u ili ti m.m?\ hif krijgt rijf gulden. De vrager hervat: vn-nx-n wy tu^\ en

jij, hoeveel krijg je '# maand»? Antw. 1.«i i ili o «) ili tj m _) -n vijjtien gulden zilver.

§ 248. Aan sommige van de hier bovengenoemde voornaamwoorden van den 2e persoon kan, door invoeging van den klank ar (§ 113 en volgg.) den meervondsvorn worden gegeven. Maar slechts met 1/1.1 gt; wordt zulks doorgaans gedaan. Niet zelden ook krijgt, waar men dit voornaamwoord gebruikt, slechts het werkwoord den meervoudsvorm. Zoo bv. tot velen: rmia-M oniT-iipn^ hebt gijl. reeds gegeten? Evenzoo avi i M Ji \ morgen moet gijl. op reis gaan.

Men vindt het //stijfquot; om in gevallen zooals deze, waar het voor (hui zin niet noodig is, hst pluralis ook nog eens door het voornaamwoord uit te drukken.

-ocr page 129-

DE VOOItNAAMWOOKDKN.

117

§ 249.

§ Stil. Als vooriuiiimwoordon worden voorts nog golirnikt allerlei titeluturen , zooals l)v. imnSroim^ 'i'' 'J' quot;' f rjiM\ 'i -i quot;j

wniMs enz. Ook v e r w an t se liaps te nu en zooals bv.

/ . . l'quot;) . ■gt;quot;)quot;» . ) km /. tt \ 3~i un n ijjt h n \ n hn \ lt; h n \ ii tct * rti \ ■ m .m i \ x.u it asn % \ v n ?

.k»j/?\ irtisasmii is (l/tif iihi/j\ u n j /;\ i'wa. vut., worden zeer vecl-

w'f ( f - ' co

vnldig gebezigd 1)

§ 25tJ. De voornaamwoorden van den d e r d c n pc^ r so on enkelvoud, ////, j/'/, //cm, haar, beteekent men in het Soendaseli : soms met ? / ^ i.j ;\ bv. (resell, van Abd. en Abd. bl. 12.quot;), 7 r. -n JI Ij^n ; I.n n un pi My )//«'-iiende, dat hij lot geliefde werd begeerd; Sp. d. .1. bl. 21, 1. r. die niet or er en weer wi! helpen, ' I J*J li 1113-i n I.f yj gt;.') rn r- \ en s/echts behouden ^ol ongedeerd) hij maar , waarvoor wij zeggen ; en slechts denkt op zelfbehoud. Gemeenlijk bezigt men eeliter en m i^»o\ waarvan dan

),j ■i }.j j.y ook i i / ij t.jiii en i 11-: 1gt; asa. Daarbij kunnen nog ge

voegd worden 'y' quot; '■J'j* Dil laatste wijkt van de anderen

af, in zooverre, dat liet slechts gebruikt wordt voor hein, haar, daarentegen ook voor het meervoud hen, haar, :e. Hv. Gescli. van Samaoen: .li /tn Kj f i.iitjj m er wax niemand die hem evenaarde, /ooals wij later zien zullen, treedt rn uiy ook nog anders dan als pers. voornaamwoord op, hier voegen wij nog sl(!ehts bij, dat men ook zegt ' 'maar dan altijd met het voorzetsel j.ii\ka. Zoo bv. Sp. d. J. bl. 105, 2 r. v. o. m n i / n i j .7a iJÏ i.iii ui i. ii i tn ij? iy ^ /rat meer is de boete werd hem opgelegd. gt; i 1.11.1 enz. zijn, zooals in § 215 reeds werd gezegd, met behulp van het aanhechtsel tn\ verlengde vormen. Ook slechts bij i n in{ m en .fi^Mjin iyj.i\ wordt het invoegen van den klank ar tot meervoudsvorming, doorgaans gedaan (j 248). Kindelijk kunnen als voornaamwoorden van den derden persoon ook nog optreden «.i-») en in.n/w Zie over deze woordjes § 254 en vcilgg.

1) l)c hiergenoemde titehitiiren zoomede vcnvantacliapstermen zijn met meer andere in het woordenboek te vinden, alwaar ook het noodige, over de wijze van ze te gebruiken, is gezegd. Oc vraag aan het slot van 1 van het artikel i l gedaan, zal in dezen zin moeten beantwoord worden, dat waar, zooals bv. Geseh. van Soejifina bl. 59 , 3 r. .ïh) j i'} ij ut i ;'i 'yin iM ;^~ti 11. imjI i.y^ ja, hei is if a it r, Oom is zijn oudere broeder, beteekent oudere broeder (zuster), dit het Sanskr. iidi is, dat

in het l/n. sub II wordt vermeld, en dat o. a. de eerste beteekent. Zoo beteekent dan, om nog een voorbeeld te noemen: ,i,l ly,^'y i i{Vy i/y ;_h i.i m i. u i / i.y ^ ^ -1 i.i j 11 ),i j\ letterlijk :de jongenheer Petrus is de eerste met betrekkiiHj tot den jongenheer Adriaan, d. \. de jongenheer Petrus is de oudere broeder ran den jongenheer Adriaan.

-ocr page 130-

T)K VOORNAAM «OOR DEN.

US

§ 251.

§ 251. Ons reflexief voornaamwoord zich of wel ons zichzelf drukt men uit door ? i gt;ƒ i' \ met j_i-j :gt;gt; i ? of wel 11 Hasn, H v.

Gesch. van Abd. lt;'ii Ahd, bl. 17, 5 r. v. o. dal er een zeer may lig e loore-iinnr icas, rh).) n i.-. /:]i.ii' i gt;/:},i^ i111,) }.i ndie zie// de gedaante kou geven van een die)'; id. bi. -tl, 9 r. v. o. t n m t j j, j gt;,-) ƒ? m. n -:-i). n gt;},) gt;ƒi gt; t h / j nifms maar al forceerde hij zich ook om hel te kunnen. iSp. d. .1. bl. 56, t r. v. b. ilii^ ^?i.lyi ijna^ de uleeuiuarter rerkla/gt;le

echter zich zelf. met of wel mfqtys u. gebruikt men

insgelijks.

Ook voor ik zelf zoomede ons zelf of wel onn bezigt men a i ^ i.t gt; \ maar het heeft dan geen 13 a s a. /oo !i\ j j 11 ? gt; i n j i t11 ] ri n. n \ ; i n i. i' i t n yni'ii

-} I S ' * S '

ry i I-u indien ^ gij ongelukkig wordt, dan word ik zelf zulks voorzeker

/ gt; ■gt; T i gt; 1

00A*; gt; I Ij h) gt; l') ij rigt; l-l 1.1 l i }.jr i ii ij i n i\ i n I J 1 -I -1M.IIl I I iii.ijtr.rn n I I 11711' } !

! 11 y 1.1 \ ik zelf schep dnar ook liehngeii ///, maar als er onderwijl iets noodzakelijks is, dan laat ik het tijdelijk rusten-, Sp. d. .1. bl- 31, -1 r. v. o.

1 t ■gt; O r» . /./ii

i u 11J t.) gt;i 'i j 'lt;' j j gt;1 hi j h u h 11 11 y i n r i i tn i'j.j i i 'ht gt;•quot;y ,i:y t/-11\ fronn. la

ten we ons maar m gindschen vijver storten, die strekke ons tot graf. Waar wij voor den nadruk i. pl- v. hij veelal hij zelf zeggen, gebruikt men «.I y alt;t gt; an (§ 250) en waar wij om dezcllde reden gij zelf verkiezen 1 loven gij , li t y hi ; ^ 215). Zoo bv. Sp. d, .1. bl. S5; -1 r. v. o- asnasn«jtnmlt; ju'7i ii r^iMijtniiiPi tnTj i:i\ maar hij zelf was lui en werkte nooit; id. bl. 7(i, .3 r. al wie ecu kuil graaft voor een ander, n t ij tn ? ijj in i i^-ityj* hijzelf stort er soms m; id. 1)1, 10, -1 r. v. o. };fj' quot; quot; '''11 j quot; ƒ ii gt;.' *' n 11 gt;j gt;■ t' dan zult gij zetf insgelijks geholpen worden. De vrouw sprekende tot haar man gebruikt ook wel het reeds boven (j 2 15) genoemde ^ijvi^aw Hv. mx gt;n tit Mt -n ri iLi/m]iti^n/js hoe het) ik het met Je, of waarom, mijn kip geslngt? Anlw. van de vrouw.- gt;. n 117.1 Jii J.y 11 jy ? ] tr gt; 11U .li] Ij r/i 1 \ gij zelf zeidet immers ze te slagten.

§ 252. \ oorts wordt «1 ^mgt; met ini?uitn.j en u. nog gebruikt

om ons zelf, in eigen persoon te beteekenen. liet krijgt dan echter het

voorzetsel min door. Bv. Gesch. van Soepëna bl. 52, 16 r. v. o. untüt

i/j 11 gt;i^ gt;11.1 run mi gt; i,i. 1 n ihctita t^n^ wil mijn oudere hroeder zelf gaan

strijden, dat hij zich toerust; i-i -gt;' m nt'i.igt; i,m.ihii.11 ?, 11,1 r \ mijn meester

1 CJ CJ '''/ quot;'(ei

is soms in eigen persoon bezig zijn eten te koken. Ook uit zich zetf, vanzelf wordt met t-nutrjunr uitgedrukt. Bv. Geseh. van Soepëna bl, 12, 6 r. c-u/i.tni 1,11j dan deed dal kanon zich altijd van zelf

hoeren. In deze beteekenis is er geen Basa. Eindelijk kan t.iiiitjmj nog zijn zva. .1.1 t-hr.i 1,1 p waar dit den zin heeft van ons eigen. Het Basa woord is dan wederom j.yintBv. Gesch. van Soepëna 1)1. 1.3,17 r. v.o. ny ' i«» ui t.ti *1 ki 1 1 11 ii^ij t.i i,y i.i om niet te spreken van zijn eigen arbeid.

-ocr page 131-

DE VOOHNAAMWOOUDKN.

5 253.

119

§ 253. Het zoo even gonoenidc gt; Igt; i! I I hij, djit ook alleeit ,

lieeft, vooreerst in (li(( beteekenis, maar ook, waar het optreedt in den zin van ons zelf ol' wel van ons eigen, ais pan è a li woord dikwijls uiiihSw Het Ba sa woord Is hetzelfde als dat van gt; i i/in; nainelijk i.yn i.yM/jw

Hv. Gesch. van Abd. en Abd. 1)1. 83, 7 r. i gt; ui gt; t.n i~i u * ,i 11 n tl i~i in 11

o i ' ' ' r1 '''

1:1)-as' i.ijr i n\ icnl meer hi, ik zelf hen uoh reeds duur dien man upgeliyl; id. 1)1. 59, b r, v. o. gt;1^ iri i i^ UI ia j 11 ^ i, I j.n i.i j i :i i.li i] i 11 iJi i i i i i, ii 1,1 j i i , i y/r h i d 1i/i- hen aan hel leren ran Ahdoerrahim eren zoo tjehechl nis aan mijn eigen leren. Ais j.n-n m hyj den zin heeit van: vil zich zelf, van zelf, hij -ioh zelf, heeft hetgeen Rasa. Plaatsen, waar men het zoo vindt gebezigd , zijn o. a. Sp. d. .T, bl. 115, r. 1 en 111, 2 r. v. o.

Opmerking verdient ook nog, het gebruik van ii/ïiiimr zooalsbv. Sp. d. .1, i)l. 107, t r. v. o. |)aar is het namelijk te vertalen met ons bezittelijk voornaamwoord of wel bepalend lidwoord. Met Hasawoord is alweer i.iji ii. if}iiq\ en zon de bedoelde zinsnede quot;y j gt; t»» » ^ h«|

ii i i hij nji Menlili irrumj haar (/ie) handrn , in Kasa luiden;

t ) t gt; . gt;

mi 111 i.i i.it j tn ti.fttt t i, i it.tti i.i^ , li. i / i. ij w

In een enkel geval, namelijk als men met nadruk spreekt, wordt het voorzetsel i.yx dnur (§ 251) ook wel gevoegd voor t tt n 11 t.t j en r/ i n iPi\\ § 251. \ eelvuldig daarentegen krijgen i.t/ h i.iy en .lii-hi.-i voor zich het woordje il n\ dat lichaam, lijf beteekent, van daar ook persoon, in-dirid/i, lt;'n voorts gebruikt wordt in de zin van de voornaamwoorden: i/,\ mij, k, hij, hem,, zijn, zoomede in dien van het reflexief voornaamwoord zirh. Met ' y lt;'n (§2'12 , 2 en 3) wordt het zamengesteld tot zeer

tiederige voornaamwoorden van den eersten persoon. Zoo bv. (iesch. van Abd. en Abd. bl. 25, (i r.; Kitab Dongeng i- n. a. bl. 9. 1 r. v. o. id 15,

II r. Als voorbeelden van het gebruik van iPi n kunnen verder dienen de plaatsen: Geseh. van Abd. en Abd. bl. 53, 3 r. v. o.. 81, 7 r., zoomede kitab Dongeng p n. a. bl. 5, 2 r.

Wordt ,t:t tl \ hetgeen zooals reeds werd gezegd, veelviddig gesehiedt, zamengevoegd met 11 tij, i j ol 1^1:111 1 tot / I tli.it niii.i^ ol wel ;!? »t i1; 1 ii tl dan komt de beteekenis van de aldus gevormde uitdrukking overeen met ons: mtj zelf, n zelf; hem zelf of wel zich zelf. Hv. (teseh. van Abd. en Abd. bl.49 ^ 3 r. v . o. it n ui jn.j j-^7» ; i /ti c» .1 11 , 1 hti i.y j f i ki i.ii .mi ƒ \ .bil bil .1 i i ^

III jo ? irii (mnwiS-n k?«tm n infj\ rader nu was ontzettend ellendig, maar hij dacht hij na niet aan zich zelf (ol* hem zelf); Sp. d. J. bl. 157, l. r.

i. n hn 11 l^i-n 'ci \ (lat staat gelijk niet zich zelf (of n zelf) kicaad te doen.

1

Het li :i s a woord voor r.i hi/j y als dat beteekeut alleen, is Myj iuniw

-ocr page 132-

DE VOOKNAAMWOORTIF.X

§ 255.

120

§ 255. Niet mimlcr veelvuldig dan aS Pn bezigt men zoo mot .i ifri.n^ijp het woordje s. H. dat insgelijks lichaam, lijf beteekent, en

kan dan ook i-nviwn^Afhxnw/i^ waarvan i-j ui i-h ^ i:n t:i \ p, en gt;■ i /m 'j r n 1». zoomede B.L. lietzelide beteekenen als Zoo

bv. Gescli. ven Soepëna bl. 3, 15 r. v. o. 11 /iVn/,y i t i,igt; },i jii^» n

j.i.j.i i ?; i/i a ui t.tip denk liercr eens rijpelijk na orer n zelf. Ook hij zelf, bv. Sp. d. J. bl. 50, 3 r. /. u m r ''' i.n-i? gt;i 'i j. i n i' i i;i. n gt; i j*. en /jij slot ra/i rekeniuJ iejaat hij ze zelf. Soms wordt i j i:i hu i i in j ook wel gebruikt, waar wij slechts het persoonlijk voornaamwoord bezigen. Bv. Sp. d. bl. 132, 3 r. v. o. mijn knni/e hepaalt zich lot het maken ran spijkers, ih?i /.vij ij i gt; !• n n i hm yid-j.hi hnt.i en ze faalt met mij te voorzien van lerensonderhond.

Alleen, d. w. z. zonder iKwridim/is wordt hinuii/j voorts zeer dikwijls gebruikt bij wijze van persoonlijk voornaamwoord en ook wel om zich of' zich zelf te beteekenen. Zoo vooreerst, als pers. voornaamwoord van den tweeden jiersoon, wanneer men zich vriendelijk wil uitdrukken. I!v. niiyi *n •»».»;•»«a lt;m».o i. m «.;gt; «.I\ van af yisteren hen ik op n wachtende (/eweest. Ten anderen als persoonlijk ruornaamwoord van den derden persoon. Bv. Sp.

d. .1. 1)1. 75, i r. de ndjay werd hrdui'lft. i n nun i n hu jiy : t i n i.^~i i:i i*n j\ dat hein een onheil zon overkomen; Gesct. van Abd. en Abd. bl. 119, 1. r. }fti i.jTi ir]-Hi q £11 itji tii 11 in gt; n Kn p A oer tied in dacht er over na wat hem ie doen stond (of wat hij zon gaan doen). Een voorbeeld, waarin .r.i i?i ii zich of zich zelf beteekent, hebben wij in Geseh. van Soepënabl. 50, ■t r. ,■ i ru i n gt; i ii ,-:.i rn'; i-tin /I! 1111-. liiii 111 '} ^ moge rader op zijn hoede zijn en zich zelf hmcaken. Een ander voorbeeld vindt men 1)1. 10, 12 r.

§ 25G. Wordt, zooals ook wel eens geschiedt, j^ivi.nn/j zamengevoegd met een, in dat geval den zin van het bezittelijk voornaamwoord hebbend, persoonlijk voornaamwoord, bv. met i.n /i ofó^n?») (§ 242, b en c) of wel ; i T/ !■ i j 2-15), tot i j^ i i i. ii j ii-n ' i kh j ] ol wel •!-■-) r i!. n ,ƒ j, 11 \ dan staan deze uitdrukkingen, wal het gebruik er van betreft, op een lijn met dat voornaamwoord. Zoo bv. Sp. d. J. bl. 27, 4 r. ii-jimm-iqi°mi.nij gt; ij.kgt;i .w\ vast stort ik in het verderf of vast is mijn verderf; id. 41, 2 r. j.k.»

e.tjj:* .i:i trnv] mi f-ittj nm'fit chiw asn azn'rLii7ri\ want ook gij raakt dan getrofj'en door een onheil.

Zeer dikwijls heeft dergelijke zamenvoeging plaats met benamingen van bloedverwantschap of wel met betitelingen. Vooral in Has a doet men zulks gaarne, en 1.1iw-gt;i beteekent dan zooveel als de geëerde persoon. Zoo bv. Modellen Soendasehe brieven van Holle bl. 27 , 5 r. v. b. .w.iquot;rn.gt;,'ii n i.n\ de geèerde persoon van onderen hroeder; id. bl. 39, 3 r. j jjt1)-»i.'d-n1ri\ de geëerde persoon van vader; Geseh. van Soepëna bl. 'i:;, 10 r. n,i i^i-n t.:n i j.

-ocr page 133-

DE VOORNAAM WOORDEN.

12;

§ 257.

mijn (jeeerde zoon-, id. 1)1 -l, 1. r. waar een vorstin spreekt tot haar echtgenoot: iKMii-n'iJï.j.Hx de geëerde prmoon van d. i. de geëerde

persoon van mijn echtgenoot of mijn geeerde echtgenoot. Zoo ook 1,; jfj-n H tj(Ki (uiij\ enz.

Waar men geen Easa spreekt, bezigt men de benaming van

bloedverwantschap ol' wel de betiteling wordt dan door die voorvoeging van als ik mij zoo uitdrukken mag, vcrvricndelijkt. Zoo is bv.

i j iks Geselt, van Soepëna bi. 7, 13 en 17 r., vriendelijker dan ,rr)ik\\ En dat is ook het geval als zooals bv. op bl. 6B, 11 r.

van meergenoemd werkje, gevoegd wordt voor een voornaamwoord. In het Hollandseh is die wijziging van zin echter niet terug te geven , en moeten w ij het i.n/jyi-h dat men daar vindt, als ol er slechts i ; gt;i

stond, vertalen.

Hezittelijke voornaamwoorden.

§ 257. Als zoodanig worden gebezigd vooreerst de hierboven genoemde persoonlijke voornaamwoorden. Men voegt ze ten dien einde eenvoudig hij wijze van hepaUng achter het zelfstandig naamwoord , zoo bv. hi hn ij 1,1 ,■ \ Je l'ind; gt; 11 1.1 *} n i'l ■' mijn h/ii# , enz. Ook kan, zooals wij reeds zagen (§ 253) met a-u-n 1:1 mi zoomede met een uitdrukking, zooals bv. i_-i ui.1.11 m (§ 256), de zin van het bezittelijk voornaamwoord worden uitgedrukt.

Ten anderen worden, bij wijze van bezittelijke voornaamwoorden, gebruikt de in § 249 bedoelde en ten deele opgenoemde titelaturen, zoomede verwantschapstermen of benamingen van bloedverwantschap.

Zoo kan bv. beteekenen : 1 ƒ irj 11 r 111.; ƒ gt; I'lnd; 111.ƒ 1 y ^ _-i .11 \ hnj/! tjede; i.y j ui 1.11 mi ol j.j 111 1^-111 \ mijn leven, ook nw leven.

\ 258. Een speciaal bezittelijk voornaamwoord van de 2e persoon is asn iji \\ liet wordt gebezigd als panëngah woord, maar ook niet zeldzaam als liasa of wel Basa loehoer woord. Zoo bv. Geseh. van c 1 . 111,gt; .1

oamaoen: Iiji.ij \ i I n' 1,111/ frgt;)! 1111 hj til 1111 . :i ? 1. m m i.y goes, na vertrouwt nw vader moeder niet; Geseh. van Abd. en Abd. bl. 159, 9 r. v. o. ^i.iii.i^y.i.iï? ii^ki 71 i r^i im ƒ 111 i.i.iiit-^(iji'ti,j )\ en doe mijn respect aan uk vader

§ 259. Als bezittelijk voornaamwoord van den derden persoon bezigt men voorts zeer veelvuldig het aanhechtsel mn verdubbeld, als het woord gevormd is met een aanhechtsel. Zoo bv. zijn paard,

maar Atioiutytns zijn naam, omdat het woord naam, met be

hulp van een aanhechtsel is gevormd. Desgelijks ima-.nwCt-zuty an (m i.n M.i^i.hi,j\ goederen , hezittingen, van door middel van herhaling dei-

eerste lettergreep en aanhechting van zijn goederen, zijn have en

-ocr page 134-

DE VOORNA A M U OOK tgt; EN.

goed; i.H i n i)i.j iyjsi (),» i; i'iy io^n braafheid, Haimgnelheid, van

inet hclml]) van het voorvoegsel ».» en het aanlieditsel brtiaf-

ht'id, zijn nanwnezetheid; i; 2] lt; i * /. / [i gt; hi 11 i^-i? van r) i!ïri\weteH.

6— (J C~ —•

kennen, met behulp van het aanhechtsel i^uton') ei/u weten , zijn leeimeti; cm..

§ 2(i0. Zooals 1'rof. Roonla reeds opmerkte (zie .lav Gr. n. u. § 211) is het Soendasche m\ het Javaansehe «vnv waarvoor in een paar gevallen ook ij i. ) \ en het Maleisehe nja een en hetzelfde aanheehtsel.

Wat de lunetie er van hetreft in het Soendasch, in het algemeen kan nu'n zeggen, dat het aanhechtsel ngt; dient om een betrekking aan te duiden tussehen hetgeen beteekend wordt door het woord , waaraan het wordt gehecht, en iemand of iets.

Die betrekking drukken wij in het Hollandsch op onderscheidene wijzen uit.

^ ooreerst waar wij spreken van een persoon of zaak, met betrekking tot een ander bepaald persoon of een ander bepaalde zaak, door het bezittelijk voornaamwoord van den derden persoon. Hiervan gaven wij reeds eenige voorbeelden.

Ten tweeden door het bepalend lidwoord. Immers spreken wij van een persoon of zaak , met voorvoeging van het bepalend lidwoord, dan spreken wij van dien persoon of van die zaak in betrekking tot iets anders, dat wel is waar niet altijd genoemd of niet op nieuw genoemd wordt , maar dat men toch voor den geest heeft. Zoo wordt bijv. Sp. d .l.bl. 0'.), 5 r waar wij vinden van «jid cw loespijcen, gesproken in be

trekking tot de rijst, die de persoon, waarvan daar sprake is, at. Die betrekking nu, waardoor de toespijzen worden bepaald, drukken wij in het Hollandsch uit door het bepalend lidwoord, en vertalen zoo »i i m met de toespijzen.

Desgelijks (Jeseh. van Abd. en Abd. hl. 39, 4 r. v. o. ili hp mi

li ii 11 .' I ;■ -i ii*i ■' j i r' i i.i i ni lil ii.iiij^ II III, I ji 11 J. i in I Ij' icai het

.sc/iiji betreft, dal ica* rader* eigendom, de stuur man was iemand van de stad iMa.ikat, met name G an aim. |)lt;! betrekking, waardoor de stuurman wordt bepaald , er wordt namelijk van hem gesproken in betrekking tot een bepaald schip, drukken wij ook hier uit door het bepalend lidwoord. Soms kan men het aanhechtsel, naar men verkiest, of door het bezittelijk voornaamwoord van den derden persoon of wel door het bepalend lidwoord vertalen. Zoo kan men, om maar een voorbeeld te noemen, het .ijin.y op bl. 77 , 10 r. van Sp. d. .1. vertalen niet oj'n zeggen was, maar ook met het zeggen (namelijk van den leeuw) was. Dat wij, om wat meer gewoon Hollandsch te hebben, hier zeggende zouden bezigen, doet natuurlijk niets tot tot de zaak af.

5 260.

-ocr page 135-

1) E VOORN AAM WOORDEN.

§ 261.

123

§ 261. In het liicrhovcn hijgebragte voorbeeld zouden wij de zinsnede

s---j:n, gt;j i) iilt;niitn n ■ / J (i 'gt;gt;'ƒ\ i. pl. v. met de stuurman was iemand van (If stad Masknl, ook gevoegelijk kunnen vertalen met sluurman er van (of er oji) was enz. En zoo, met er van of er van, waarin door er of er gewezen wordt op iets, dat men voor den geest heeft, zouden wij de betrekkin};, die door het aanhechtsel wordt uitgedrukt, geheel juist hebben teruggegeven. In dien zin moet dan ook het aanhechtsel opgevat worden bij een uitdrukking, zooals bv. gt; i ;iuin m ?.j \ iederen day, dagelijks , wel te onderscheiden van a^i ili mji/i/ oji \ den (jeheelen day en van daar onnf/je-hroken, al maar dour, den (jeheelen tijd. Een voorbeeld van dit laatste vindt men Geseh. van Abd. en Abd. bl, 69, 7 r. v. o.

iijigt; tj.viitTi^i ijo ) r»\ den (jeheelen lijd zat hij met de handen aan de rozenkrans. Ij 11 van j i iii ? lI i i ii 11 gt;ij is dit er een: }■ n ,t.i 111 j. /u r-itn .i n iiiit i gt;

LD ^

ivi/ij i itniLigt;iligt; i~:t.lt; i 1^)1.1^1 vipii li]tijdens ik mij op Batavia bevond, was ik iederen dag in gezelschap run Europeanen. Spreker heeft voor den geest het verblijf te Hatavia, en daarop wijst liet aanhechtsel. Wij kunnen zulks doen met behulp van er of er, en zoo heeft het Soendasch eigenlijk: tijdens ik mij op Batavia bevond, was ik den gehcelen tijd er van (nam. van dat verblijf) in gezelschap run Europeanen.

§ 262. Waar gesproken wordt met betrekking tot een persoon of als zoodanig gedachte zaak, en wij die, door het aanhechtsel uitgedrukte betrekking, zooals boven reeds werd opgemerkt, teruggegeven met de bezittelijke voornaamwoorden van den derden persoon hem, haar of hun, daar beteekent liet aanhechtsel ook eigenlijk van hem, van haar of van hen. /oo luidt, om ons maar wederom tot een voorbeeld te bepalen, Sp. lt;1. J. bl. 108, 6 r. v. o. er was een knaap, genaamd Begog, hij was het kind van een jager, ni i.i m i j lt; ; i.i in iPi i^iryij i.^ ^ii.l t i/i i/\ zijn rader was in het hosch door een schurk doodgeschoten, liet Soendasch eigenlijk: rader ran hem was in het hosch door een schurk doodgeschoten.

| 263. Zie hier nog een, uit de «Geseh. van Raden Sapriquot; genomen voorbeeld, waarin de eigenaardige functie van het aanhechtsel duidelijk uitkomt. liet is dit; 'ƒ ( quot; ^ ;i ï7i ƒ i li r, J ) : j I-; gt;) ^ i] i n /,! gt;i i dm i,n 11 in ■ in il in i • i ih ii^ h i s kijk, daar vond hij een diepe put, hel water er ran was zeer helder, maar de emmer, namelijk de emmer, die bij de pnt behoorde te /.ijii, wd* er niet. Opmerking verdient, dat wij in de laatste zinsnede het onbepalend lidwoord zouden bezigen, wij zouden namelijk zeggen: maar een emmer was er niet. Zoo vertalende, drukken wij echter de betrekking, die in het Soendasch door het aanhechtsel wordt uitgedrukt, niet uit in het Hollandsch.

§ 264. Intussehen, zulks is ook niet altijd mogelijk. Zoo vindt men bv.

-ocr page 136-

nr. VOORNAAMWOORDEN.

§ 265.

124

wel niFjwqs indien, lt; ^li mx oixlat en dergelijke woordjes, voorzien van liet aanhechtsel, en hoewel ook dan, met belmlp van hetgeen hierboven werd opgemerkt, de aanhechting van i*-m grammatisch voldoende kan worden verklaard, zoo kunnen wij toch, hetgeen er meê in het Soendasch wordt uitgedrukt, niet teruggegeven in het Hollandsch. Ken wijziging van beteekenis door het aanhechtsel is ook bij sommige woorden op te merken. Zoo kan .t.» i2 tn hetzelfde beteekenen als mnaS\ dn ar strnkx, zoo evt-n , maar ook: te vorm, vooraf, voorheen, vroeger, eerst; en beteekenen iquot;i ii J.» n ?*) y n ot* straks, zoo annstonds, aanstaande, eerstkomende,

maar ?quot;| ?ƒ).nm' t'yiin j ot Kjtj 1,11 i4i\ met der tijd.

§ 265. Dat het aanhechtsel voorts nog gebezigd wordt i)ij de vorming van een Superlatief, zagen wij reeds boven 155). Ook dan moet het, volgens hetgeen in § 260 werd gezegd, worden verklaard, en zoo beteekent het in het, aan het slot van genoemde §155 gegeven

voorbeeld, eigenlijk: de allereerste met betrekking tol rijk zijn.

§ 266. Krijgt een van het aanhechtsel voorzien telwoord (§ 1:5:5 b)

ook nog het aanhechtsel .ni\ m. a. w. is het, door dat telwoord ge

noemde tal bepaald, door de betrekking tot te voren genoemde ofwel den spreker voor den geest staande personen ot zaken, dan is liet aanhechtsel terug te geven met het bepalend lidwoord. Zoo bv. i7i u j' •gt; in jn i het drietal, van t ?L| UI .K) Y\ Betrellende valt op te merken,

dat wanneer dit liet .aanhechtsel krijgt, het woord een kleine wijziging ondergaat, het wordt dan namelijk niet ^ 11 iyj.tgt; maar vtmin\\

§ 267. Eindelijk bezigt de taal ook nog het aanhechtsel in•. tot vorming van persoonlijke voornaamwoorden van den derden persoon van die van den tweeden persoon (§ 250).

§ 268. Alvorens van de bezittelijke voornaamwoorden af te stappen, moeten wij nog gewag maken van een bijzondere wijze om te beteekenen, dat iets iemand toebehoort, van hem is. Men kan zulks namelijk doen met behulp van liet woordje kj\ waarvan alsdan lgt;. en B. I5v. (resell, van Abd. en Abd. bl. 3!», t r. v. o.

Jjr»-rlfcjiwni\ wat het schip betreft, het was het eigen

dom van vader of het was van vader; Sp. d. .1. bl. 15:5, 7 r. ki i n i vi n w/ want hij is mijn eigendom niet of hij is niet van mij. Andere voorbeelden vindt men Sp. d. .1. 1)1. 43, r., 81, 2 r. v.o., 110, 7 r. v.o., 121, 8 r., 142, 2 r. en 153, 7 r. Ook kan den meervoudsvorm

krijgen (§ 111 en volgg.). Bv. KI vn-rttyfif

lr^ gt;.ƒ gt;n\\ D. i.: Meester, moeten de

kippen teruggebragt worden? Antwoord: laat maar, ze zijn immers zijn (Ji aar) eigendom, of ze zijn immers van hem (haar'), of wel: ze zijn immers de zijne {de hare).

-ocr page 137-

I) 15 VOOUNAAM \\ (JOHI)F.N'.

125

§ 2(59.

§ 269. Betreöende liet Has a woord i.u n ^ dat eigenlijk .lavaansch is en door Uoorda met veraanzienlijkt of wel verheerlijkt wordt vertaald, moet nog opgemerkt worden, dut men dit bezigend, wel de betiteling van tien betrokken persoon weglaat, en bv. op de vraag: wvan wien is dit potloodquot;, antwoordt: iu»? kjwicj mwaarmee men dan wil beteekenen : hei is het (een) potlood, dat het eigendom is van Mijnheer of het is hel {een) potlood van Mijnheer.

Sprekende van een aanzienlijke, wordt i.» n kj/ voorzien van liet aanhechtsel dus i.ti i'y i i i.y hi-, ook nog gebezigd bij wijze van Basawoord voor (§ 277). L)e uitdrukking beteekent dan letterlijk zijn (liaar)

eigendom.

§ 270. De in de voorgaande § § vermelde zin en beteekenis van i.n m zijn t(! onderscheiden van die, welke het woord heeft, bv. Gesch. van Abd. en Abd. 1)1. G5 , 7 r. Daar is het namelijk een B a s a woord voor hehhen, bezitten, de eigenaar zijn van iets. Het panëngah

woord is lietzeltde als van t. w. -m

a n n; ijzen de voorn a a vi woorden.

§ 271. Ze zijn:

a. van personen en zaken: m ium deze, dit; die, dat; .tm

mi\ gene, gindsche.

Ij. van hoedanigheid: dusdanig, aldus, zooals dit, in dezer

voege, zus; i.h \ zoodanig, zooals dat, in dier voege, zoo.

c. van hoeveelheid: MMntiiis zooveel, in deze mate, zooveel als dit; iMHrtJn\ zooveel, in dit mate, zooveel ah dat.

d. van ])1 aats: ;jixugt; en r/iiin\ hier; hjn en iPi tj» \ daar; i^i i y \ en ui i ij \ ginds.

e. van tijd: nu, heden, tegenwoordig; iKtj^iu/,hn\ nu oialsuu, met nadruk gezegd; i HM m; ^ i'i I..I in ■») mi \ LI ui i nn in \ ' 11-i /f'' I in ot hu f ut i^tri-ii n.Lu \ toen ter tijd, te dier tijd; I I).)\ s. ij) li. ook i:)i(j)\ SB. tijdens, ten tijde dat, toen.

§ 272. Gelijk in liet Javaansch iln.ns zoo wordt ook in het Soendasch het aanwijzend voornaamwoord van personen en zaken x.nïiit\ veelvuldig gebruikt bij persoonlijke voornaamwoorden van den eersten persoon. Er wordt dan mee geduid of gewezen op de bijzondere hoedanigheid of wel gesteldheid van den persoon , die met het persoonlijk voornaamwoord wordt bedoeld, maar in het liollandsch is deze eigenaardige zin, die i m

-ocr page 138-

DE VOOHXAAMWOOUDKN'.

in zoo'n geval heeft, bezwaarlijk terug te geven. Als voorbeeld kies ik een plaats uit de Gesch. van Samaoen. Ten einde de soldaten gerust te stellen, die, door zijne komst midden in den naclit, zijn opgeschrikt en naar de wapens grijpen, zegt daar Saiuaoen : .ti 'j n ' j n) gt; ^ \ i, n t.j n i in iugt; ^ in ^ 1^1 f.) ijmp lyu enz. wacht wat, maak (/een alarm, ik, Samaoen (ben het) , ik kom terug enz. Kn zoo ook voor het pers. voornaamwoord, bv. Gesch. van Abd. en Abd. bl, 125, 8 r. v. o. ^ i n t u? n-gt;gt; k? ƒ j.7j j ^ rn^

quot; *11 'l ' quot; ' J J* ! n J : y)r n j 7 ) j \ j, j' i n !VII j gt;, M i --! r ;y m ; i /w j ƒ \ met Uw verlof, ik, wiens naam is Ahdoelkarim, den zoon van Abdoerahman, Aljdoeraldnis vriend (ben het). Desgelijks bl, 109, 9 r. v. o. zie § 109. Maar ook wel, zonder het persoonlijk voornaamwoord, wordt het zoo gebruikt, het moet dan vertaald worden met dat laatste. Bv. Gesch. van

Abd. en Abd. bl. 1-tl , 1. r. Oemar Sanoesi.....en zeide bij zich zelf:

i:» ru i m ui (Ü tin rui pL) ie,} :l^ its»/] i-n in ^ \ ik draag hij mij

150 rijksdaalders, het geld van mijn broeders. ld. bl. 73, 2 r. v. o. En gelijk men in het Hollandsch kan zeggen: wat begeert deze? voor: wat begeert deze man? zoo ook in het Soendasch. Ev. Gesch. van Abtl. en Abd. bl. 59, r. 1, de werkelijke

doodslager is niet deze.

§ 273. Al verder bezigt men iinhuti\ waar wij hier of zie hier zeggen, willende iemands aandacht op iets vestigen of wel hem iets aanbiedende. Bv. Gesch. van Abd. en Abd. 1)1. 75, 7 r. r/i in gt; gt;)},! j u . j,gt;ii ijM?n i i. ii j i'i i-J vi ui 11 / jii f)jri\ zie hier. Heer, een deken zoomede welriekende olie, opdat U lekker moogl slapen.

§ 271. Eigenaardig, maar zamenhangeud met hetgeen reeds werd opgemerkt, is ook nog het gebruik van i.n cu? voor hier of hier hen ik, hier is hij, ze ot het. Bv. «m iij- iji ngt;n n ij i,i ^ \s Antw. gt;,)^ i n i2tgt;\\ Djiam , waar hen je? Antw. Met Lw verlof, hier of kier hen ik. Desgelijks:

m ifn i mi f ut nm * Antw. tTniCiiw Waar is de andere stoel? Antw. hier of hier is hij.

In deze gevallen kan het aanwijzend voornaamwoord van plaats: aSiStugt;\ hier ook gebezigd worden, en kan dus het antwoord luiden of in Cui of

„.„l o O )

\\ ei (ij» act hu i w

§ 275. [n liet woordenboek vindt men opgegeven: i n zva. mniuiw Het zijn echter speciale gevallen, waarin het eerste wordt gebruikt. Bv. iemand aanstootende om hem wakker te maken, zal men im iutgt; bezigen en zeggen: rntui^ Zin en beteekenis van i:niviigt; zijn hier:

deze of deze hier, maar in het Hollandsch is het niet terug te geven en zal de vertaling van den toeroep moeten luiden: ontwaak/ Ook, liij liet iemand iets geven of overgeven , zegt men wel i.-n lu t ^ \ en zoo nog in een

126

-ocr page 139-

DE VOORNAAMWOOKDEX.

§ 276.

127

enkel geval meer. Maar hoftelijk sprekende schijnt het niet te mogen gebezigd worden.

§ 27G. Omtrent hel aanwijzend voornannncoord van personen en zaken c-iuii kan het volgende opgemerkt worden:

a. dat liet ook gebruikt wordt, waar wij het bepalend lidwoord bezigen, sprekende van een bepaald soort van wezens of dingen. Zoo kan i.-c i y m c~ fan \ of e—nstuK beteekenen de vienscheu, en moet c—asn xjnn 7,; r (Mo-dellen Soend. brieven door llolle, 11° 48; vertaald worden met de wadnnas.

Voorts dat het op dergelijke wijze als iirn Cut\ zie bov. als suhstantief 'm een zin kan optreden, en dan te vertalen is met zutk of zulk een, zulke of zoodaniye. /00 bv. Sp. (1. J. bl. 128, 7 r. r t/u i'n :n hh ji } jy jint /,1 n iïi LU 7ij.wi\ zulke zullen ongetwijfeld enz. Ook wel eens met het persoonlijk voornaamwoord van den derden persoon. Bv. Geseh. van Abd. en Abd. bl. 83, 8 r.,ti nt junnjj^ui (iSim a3 mij? iin i ^ i. \ wal meer in, ik

zelf hen ook reeds opgeliyt door hem. Zeer gevoegelijk zou men hier ook kunnen vertalen met door dien man, en zulks zou daarom zeer juist zijn, dewijl tn hier inderdaad staat voor «i^tiw

l). dat het bij persoonlijke voornaamwoorden van den 2epersoon gevoegd, op dergelijke wijze als u-n tugt;\ bij die van den eersten (§ 272), duidt of wijst op de bijzondere hoedanigheid of gesteldheid van den persoon, die met het voornaamwoord wordt genoemd. Bv. 8p. d. J. bl. 12G, r' ''j}'1quot; '' 7 ; 1 j, 'i'! ' blijkbaar zijl gijl. door

de wereldsche goederen begoochelde menschen enz.

c. dat het zooals xnnxtn voor .hntn iiu\ hier soms gebezigd wordt voor net ui•i5i^\ daar. Bv. Sp. d. J. bl. 1-A3, 4 r. 714 un daar

buiten is een spook.

§ 277. «- in; zoomede nnkunnen ook het aanhechtsel üii? krijgen en dan beteekenen waarvoor ook wel immji\ (buiten

de Preanger ook 1 ni] / zoomede in i gt; .hi j \ zva. och, hoe heet hij [het) ook wéér. Hv. mtmÜKnjsnSÏtttn^ waar is, och, hoe

heel hij ook weer, liaksa.

En (voor op dergelijke wijze als voor

(§ 263) is een euphemistisehe uitdrukking voor de schaamdeelen. § 278. Opmerkelijk is het gebruik van hel aanwijzend voornaamwoord van hoedanigheid k7ihu?\ dusdanig, zooal.i dit, in dezer voege. Sp. d. ,T. bl. ■i7 , 1. r. njt aS ij n Kiir^f .un kii \ iJkiq i i gt;i idi in/y indien V

mij doodt, die zoo magleloos ben. Alet het aanwijzend voornaamwoord van hoedanigheid, duidt spreker hier op de hem in het bijzonder eigen hoedanigheid van magteloosheid, maar in het llollandseh is zulks niet terug te geven.

-ocr page 140-

DE VOO RN A AM WOO U DEN'.

§ 279.

138

Eindelijk moet hier 1102; herinnerd worden uan ).7i isnlt;\ d. i. het aanwijzend voornaamwoord van hoedanigheid i.inip zoodanig, zooah dal, 111 dier voege, zoo, met een panglisad er achter gevoegd, liet wordt een paar maal in de als «Ter Vertalingquot; bij dit werk gevoegde Zamenspraken aangetrofl'en. Voor de Ijeteekenis zie men het woordenboek.

§ 279. De aanwijzende voornaamwoorden van plaats quot;yj en

.101 win zijn gevormd door zamentrekking van het voorzetsel :?i te met i hlum •-•it.jj enxmvr^ die in dezen den zin hebben van hier, daar en ginds. Zoo zegt men ook wel, bv. staande aan een tweesprong:

}.,i i n tyjix tu niet daarheen is de iceg bv. om het dorp te bereiken.

K)gt;iMJ nmrn.isn\ n i.jij naar ginder (of ginder heen), Jtahsa naar hier (of hier heen). In het eerste voorbeeld kan men in plaats van r.nnjjj bezigen en in het tweede i. pl. v.

aSiun tanjq en iS*y krijgen ook het voorzetsel «,7»gt; van, en betec-kent dan ,(:7gt; 1 jÏ i u \ ran hier, van daar en m 1:1 gt; y ■ van gindei.

Het tweede, namelijk .iïi quot;j.p (gt;lt;gt;k nog: ahloen, daarop, toen, voorts, vervolgens.

Vragende Foornaamtooorden.

§ 2S0. Ze zijn :

a. van personen: *jnm\ wie? welke?

b. van zaken ook van personen: ook wel eens ooi» 15«1,^ wel k? wat? wat voor?

c. van hoedanigheid: hoe? hoedanig?

d. van hoeveelheid: 11 inm.»\ hoeveel?

e. van t ijd: -j - m n t gt;1 • ook rn - it) n wanneer? tegen wanneer ?

f. van plaats: t.itm\ ook waar? alwaar? van waar? anj,). waarheen?

Voorts wordt in nog, en dan van personen en zaken, gebruikt voor welke, welk. Bv. Kitab Dongeng n. a. bl. 22, 2 r. «,«1^01 m/jSt ^iK gt;i/ gt;h/' welke {pare) is de beste, die den top laat hangen oi d'w regtop staat? Gresch. van Abd. en Abd. bl. 113, 2 r. n11 ^

Djapar vroeg: op welken dag raakten se zoek? viii/iji ffijnv 1771,iviiamp;'ie-wis goed welke, deze oj' die? d. i. welke is goed (oi, /.00-ais wij doorgaans zouden zeggen beter), deze oi' die. Desgelijks waar wij het vragend voornaamwoord wat gebruiken: wat

is beter op reis te gaan of niet?

§ 281. Het vragend voornaamwoord van personen mioi wordt ook gebezigd, vragende naar iemands naam. Bv. Kitab Dongeng n. a.

-ocr page 141-

DK VOORNA M WOO It I) FA'.

1)1. 14, r, 1, ij ^) j.'j 11 n lil 11,11 }.'j i a t) },i j. O'itiic, hoe is L'/v naam? lutt. Oome, icie is Oome, tan nnnhi ? liet ondervverp in ilezo uitdrukking is ajiiuiitoji-i namelijk de toegesproken persoon. En die is ook het onderwerp, ids men bv. zegt: u i n m m kj ^ m gt; (waarvoor in de spreektiiid aU m 'i^j hoe is je naam. De volledige uitdrukking zou zijn .■ i ij m gt; n i n 11 jij, wie van je naam ? d. i. jij, hoe is je naam ?

§ 282. Het v ragen d voor n a am woo r d van zaken en personen bezigt men ook, vragende van wat soort of' aard iets of iemand is. Bv. i.y m ti)thti\ icat is dat voor een hoek? ') 1^1 -riKi I'I mm :r) i i i, n ui u i j hn ':i i j li ]i n -n i_n j wat is dat voo/' een ojjicir/'. een zee* officier of een officier van het leger te velde?

Ook wordt m gebruikt, om iets onbepaalds of onbestemds uit te drukken. Zoo bv. Gesch. van Raden Sapri: ^ quot; 111 'n '' gt;nr-- v iSrz- w r_i;\ wat (je maar zult her/eeren, dat is hij grootmoeder voorhanden.

§ 283. Het vragend voornaamwoord van hoedanigheid in\ hoedanig? wordt mede wel gebruikt, waar wij doorgaans zoonis of overeenkomstig zeggen. Bv. Gesch. van A 1x1. en Abd. 1)1. 81,3 r. //mi 1 ^-i f i iPi ? i n ya j m ïjici r *1 i/nd-i'i i-'i ijii ij i-i' M \ nlsmedc werd vader do n' hem uitmuntend onthaald, zooals het gebruik is tegenover gasten; id. bl. 17

1 O „ O 'ï 1 ^»0 . ƒ / 7 ■

1 ~ r. gt;1* 1 h n vil ' ) gt;■ i} ! 1)1 11' 111 llll 11 1, n 1111,1 J : 1 ! 111 i y m ii gt;. u i n gt; 11 }, i '/ :' tuj

haar zou brengen naar Egypte en daar kleeren koopen, ze kiezende overeenkomstig haar begeeren. Een dergelijke plaats vindt men bl. 105 , 1. r. Verkiest men in de laatste zinsnede van bovenstaande voorbeelden l ymn over te brengen mot hoedanig i. d. z. van ons hoedanig , als we bv. zeggen : //deze arbeid was geen arbeid, hoedanig hun was toegezegdquot;, dan zou dit insgelijks een gangbare vertaling wezen. Wij zien dus dat i.n iT.tajn\ geheel zooals ons hoedanig, niet slechts kun optreden als vragend voornaamwoord van hoedanigheid, maar ook als betrekkelijk voornaamwoord.

Niet zelden krijgt o m ook het voorvoegsel 9.» (§ 173). Men bezigt vooreerst, als synoniem van voor zooals oï overeenkomstig,

zoo zegt men bv. y.quot; 'ƒ I iw ^in 1~1 MI I~1 111 n I h 1111.1 ■ alles is (icas) gereed zooals gewoonlijk, maar ten anderen ook voor wat, hoe Aooy, vragende naar den prijs of het kostende van iets, zoomede voor hoe tang, hoe groot, met betrekking tot den duur van iets. Zoo bv. Gesch. van Soepëna, bl. 35, lt;1 O ™

r. V. O. (i-H 'K7I l gt; 1.111 7711 f Uil IvT) 7 Jï \ CKJ 1.1) Tl ï II J.J J V.H I /) m Ml l.ll 11.1? tj !gt;// gt; \

at jeuk heeft er uitermate zin in, wat is de prijs, Njai, van dezen ring? Kn voorts op de volgende bladzijde le regel; t.i mi 1 n fti 1quot; i.jj nyi-n nil(k,i i.i£ n i n 1?} u i in \ 1,111,11 111)11 inniii.i :ilt;i 1.11 1 ?ucin' \ want zoo lang ze daar was, ik zou niet kunnen zeggen hoe lang de duur ze er reeds vrhleef, d. i.

9

§ 282.

-ocr page 142-

l)R VOORNA A M WOORD ENquot;.

§ 281..

130

ik zou niet hunne» zeggen hue lamj ze er reeds verbleef, heJiaayde het haar /ms toen voor het licht te hou/en.

§ 2S t. Opmerking verdient het gebruik van het vragend voornaamwoord van iioe vcelheid Mw nt n of .1,) i »i i ji\ voor afgegaan door een rede woord van ontkenning. Bv. Gesch. van Abd. en Abd. bi. 93,

lü r. v. o. ,1 n m i n 1 n ni ti gt;gt;(7 in,bM i^ynni 7i it];! j\ het was niet hoeveel de 'K Gl11-

duur van tijd of Abdoelkarim kwam, aan, A. '\. het duurde niet lang of Ahdoel-harim kwam aan.

§ 285. Terwijl wij voor andere dan de hier bovengenoemde beteeke-

nissen van ittnn verwijzen naar het woordenboek, vermelden wij hier nog,

dat zjliztm ook den zin kan hebben van roor het geval dat, als, indien,

wanneer. Zoo bv. Gesch. van Abd. en Abd. bl. 17, 1U r. v. o. in der tijd

ging mijn man, met zich nemende mijn dochtertje, op reis naar Egypte, om

daar te trachten mooije kletren zooals die hier niet zijn, te krijgen,

uademaal hij, terwijl mijn dochtertje heel erg ziek was, *.1 tutmnMMz* (lt;ni

. CU

00 Sn Tl hj^/j in yn 2jj my\ iel run izi ern \ ZOO Zdlfs, (1(11 (1(111 IhCLdV IfV6)1 7'66(ls hij na werd vertwijfeld, de gelofte Jtad gedaan, dat, voor het geval ze genas, enz. Desgelijks bv. tot een bediende; tj?.t?cmcrii?lu^ 7^ imuc khi (Hl hl} tl ]- als of indien of wel wat/neer het (bv. het eten) gereed is, geef wij daar kennis ran. Voorts kan men ijin«a ook nog gebruiken i. d. z. van overal, waar, op elke plaats waar, gelijk wij zulks in het IIoll. ook kunnen doen met waar. Bv. Sp. d. J, bl. 133, 2 r. 11 gt;.i ijJ ui mi ti ui j. iwaar men zich bevindt, daar hebben ze hun nut. Eindelijk merken wij nog op, dat men voor welk, welke, bezigt 3^ at ui\ als men vraagt, welk of welke iemand bedoelt of op het oog heeft, van de twee of meer, die bedoeld kunnen worden of die men op het oog zou kunnen hebben.

//et Betrekkelijk Voornaamwoord.

j 286. Het betrekkelijk of relatief voornaamwoord is «p ook wel die, dat, hetgeen, hetwelk. Gelijk in hot Javaanseh ,»,n\ en in

het Hollandseh de zoooven genoemde voornaamwoorden, is ook eigenlijk een aanwijzend voornaamwoord, dat dient om met nadruk te wijzen opdat, waarvóór het geplaatst wordt , tot onderscheiding en in tegenstelling van iets anders ol' van het tegenovergestelde. 1) Zoo bv. hyiuiwits de dommen, in tegenoverstelling met de verstandigen; de duisternis, in

1) Jav. Gr. 2e uitgave § 200.

-ocr page 143-

DE VOORNAAM WOOKDEN'.

§ 28).

l;it

tegenstelling met het licht. Desgelijks Sp. d. .1. hl- 1:58, 7 r. en l:!'.», !. r. in 6---110 ilt;ii j i 1 j '''! of 1.11-n j gt; j 1 n gt; - een [lielj) hind vuu een rijke, waar het dient om met nadruk te wijzen op hj) i1tgt; rijk, vermogend, tot onderscheiding of in tegenstelling van am. Zeer dikwijls wordt het gevoegd voor benamingen van hoeveelheid, en wel wanneer men niet eenigen nadruk een zekere hoeveelheid wil aanduiden. Zoo hv. met betrekking tot den prijs van zekere stof: 7^ ui gt;11: 1 gt; r i r •/ uij im ». gt;] 1 ij i . twnnlf oeitaiilt;i (0,80) de vier ik'ei 1).

§ 287. Ook, waar wij het behooren te vertalen met ons zoogenaamd betrekkelijk voornaamwoord, die, hetgeen enz. springt de juistheid der hierboven gegeven definitie van den eigenlijken zin van of dui

delijk in het oog. Hv. Sp. d. ,1. bl. 125, 3 r. v. o.: , /.j ,.j j i.hn 1 1 7.quot;? 11 i j ?.j\ i :-i lil 1 j gt;'1 /,y 11 ij 11-1111 i j gt;11'^ 111,1 .1111 * a} ~ er waren, die hem hij de hand namen, er waren die hem omhelsden, er waren, die om strijd hem hm eerbiedige groei hragten. Een dergelijke plaats vindt men Geseli. van And. en Abd. bl. 131, r. 3 en volgg. Evenzoo r. 0 van die bladzijde: a 1 tt m ,• 1 i.j i.i 1 n ' 1 '11 j' i j gt;: 1 t i t 1,1 j i ï gt;.j tri 1 j j 1. n 1.p i . ' gt; y opdat de menschen gemahkelijl- zonden reizen run heigeen ver /«of uit de verte, d. w. z. uil verre landen, in tegenstelling met aangrenzende streken, naar verre landen.

§ 288. Oorspronkelijk zonder twijfel voor den nadruk, al voelt men zulks nu niet meer, wordt ook het betrekkelijk voornaamwoord gevoegd vóór het vragend voornaamwoord van plaats Cu n 1 m vragende bv. zooals op bl. 7'J, Geseh. van Abd. en Abd. I r. v. o. tyd.t im gt;•gt; gt;/gt; t. 1 nu.ip waar komt u van daan? of wel zooals op bl. 121, 8 r. if?i f 1 m 1.11 iii? 11 u i in tiiiip waarin t niui voor vrn nutx rin\ van waar deze voorhijganger? De zin van of in dezer voege gebezigd, wordt echter niet meer

gevoeld, in tegendeel, de verklaring van den inlander zal veelal luiden, dat 1 gt;q hier staat voor ikvj t.is rnensch, persoon. Dan verwart hij echter het betrekkelijk voornaamwoord ^ of met het woordje ,^/^s welk laatste

gebezigd wordt, om iemand of iets mee te noemen, als men geen naam wil noemen of dien naam zoo gauw niet kan noemen, ook wel eenvoudig om iemand of iets te benoemen.

§ 289. Wij zagen boven (§ 283) dat het vragend voornaamwoord na.i soms of K-iiy voor zich krijgt. Zulks is ook het geval met het woordje

II*

1

IkiU, benaming vi\n zekere maat, t. w v.111 mi lengte (folijk ann de breedte iv stof, voor siis en tlertï.

-ocr page 144-

DE VOO K N A A M WOO K1) VS.

§ 290.

132

GA nsn iH7i j\ dut o or zaal', veroorzaken, onz. ])cteekent. of

n.nhnj is te vertalen met: de reden, de oorzaak-, ook wel eens met daarom. Zoowel in 'y ? j gt;.j hIs in Ci-J 11.1 U n J dient ;-1 '1 om, zooals hierboven in § 2S6 werd gezegd, met nadruk te wijzen op het woord waar het is voorgevoegd, en wat vooral duidelijk is bij tot onder-

seheiding en ii\ tegenstelling met iets anders.

§ 290. Het mede in § 285 genoemde Javaansche betrekkelijk voornaamwoord x. rVi i.'i/ Kr. wordt door de Soendanczen ook gebezigd. Vooreerst in opschriften van brieven en het is dan te beschouwen als een 15 as a ofquot; mooi woord voor het Soendasche j--j die. Bv. Modellen Soend. brieven Holle n0 22, 23 en 28. Maar als het eerste woord van zoo'n opschrift, bv. Br. n0 2: gt;.»Ki-ntsn

a?, 1.1 Sgt; enz., desgelijks brief 32 en 33, heeft (dni.» voor den Soendanees geen zin. Dat hij zoo schrijft, is eenvoudig in navolging van een Javaansch gebruik.

§ 291. Een Javanisme is ook, zooals hoffelijk sprekende veelal wordt gedaan, het voegen van mi voor de benamingen van bloedverwantschap r.nvip moeder, *y kind, t^rj. kleinkind, ~n.Lu\ jongere broeder of zuster, ■it t.noudere broeder of zuster; gt;gt; n\ vader en grootvader of grootmoeder.

In geschriften, bepaaldelijk ook in brieven, is die voorvoeging zeer gebruikelijk , en heeft i.» dan den zin van het bezittelijk voornaamwoord, liv. Gesch. van Soepëna, 1)1. 7, 9 en 10 r., id. 9, 12 r. i'.n isi^\ mijn kleinzoons, wijn kleinzoon; Modellen Brieven van Holle n0 21 ui i'n t'n ij 'i^j quot; ijiji rn/j ta enz. Aan mijn zoon Raden N. N. enz. Maar ook in de taal van het dagelijksch leven wordt liet wel gedaan, bv. -gt;1 iutmm?i.i«n? r— t.n i i /. ii ijl i.i j\ mo jongere broeder heeft geen versland van die zaak.

Onbepaalde en algemeene roornaamwoorden.

§ 292. Als zoodanig bezigt men do hieronder genoemde woorden on uitdrukkingen. Ze zijn echter niet te boschouwen als eigenlijk gezegde voornaamwoorden, het zijn slechts woorden en uitdrukkingen, waarvan men zich bedient, als men wil beteekenen, hetgeen wij doen met behulp van onze zoogenaamde onbepaalde en algomeeno voornaamwoorden.

Zoo gebruikt men voor do onbepaalde voornaamwoorden iemand en mm-, het zelfstandig naamwoord mensch, persoon, en bezigt

hot werkwoord j^um zijn, aanwezig zijn, er zijn, waar wij, slechts wil-

-ocr page 145-

de voorn a a m w ook i) en.

133

§ 293.

lende zeggen dat iels plaatsheeft ot'luul, iets is of was, ons bedienen van het

plaatselijk voornaamwoord er. ]5\r. j_ j m i,n ryn lt; n n \ er kuml een rijliiiy

ciiiit: i i ttn ri: i n ?,n er io(i$ ecu weduice. Ook liet vragend voornaam-J (k!

woord van persoon j-i i n (§ 3SÜ) kan wel eens ie wand beteekenen. liv. : ii i i}117) /iw i n\ ki enz. Jtet is mei leiiKiud ut/derx, die. (1. \, het istiiertiuud anders, die enz.

§ 21)3. Voor iets , dit of dat, het een of ander, bezigt men ia i,i r, hijw liv. Gesch. van Abd. en A 1*1. bl. 39, 3 r. i m ij i m

hii\ door Gods huilt kus of gebeurde er niet dit of dat oi wel niet het een of ander (1. i. niets. Wekere en een zekere beteekent men met i cii '-s en i tin i ?\ bv. t ï j.i i n ix nu/ ' i \ op zekeren dag; i n ' c i i 11 of 17ult;? ./ykix op zekeren lijd; i j-j gt; i i ii ih i-0m /11 ni, / ' ^ f j7'' / * 1111 ~ekere kooj).

man in Turkije, liet bijvoegelijk onbepaald voornaamwoord eenhj wordt uitgedrukt met .trji-nx bv. iSp. d. .). bl. 1 ü? , r. 1. n lt; )ƒ j.//1 ïi.y ƒ,] i ii .1 u/.ƒ ïy ƒ i n rn,^ jitjjt i,m ril ■ ttia ici i-j :ti'l f i~t t n ^ a/s gij ze ^de deur) nut sluit, zou er een dief kunnen komen, die het een of ander van mijn goed wegneemt.

§ 294. Het algemeen voornaamwoord van persoon of zaak; ieder, elk, iedereen, elkeen, een ieder, wordt in liet Socndasch uitgedrukt door de woorden i'inn u i,] of wel j,i mi i.i^w Dikwijls worden ze herhaald, liv. Gesch. van Abd. en Abd. bl, 175, 5 r. v. o. tHii iit ne j n u hijrn/ en zoo ging het maar lederen en lederen of lederen avond. ()ok bezigt men wol het vragend voornaamwoord ran personen jii » 280). bv. Sp. d. J. 145, 11 r. v. o. u.vti i.n ui riij nt gt; it i laiseen iegelijk, die beseft dal hij

zal moeten sterren. Ook wel herhaald, bv. op die bl. 2 regels verder, zoomede bl. 152, 8 r. v. o. .i.m u j-j i n i.yLnt lt; n'm /■ nnn een iegelijk, die ol al-wie geen schaamte kent. liet hulpwoord j?i (§ 226 e) wordt ook wel eens voor .7.i i n gevoegd en dan is 7aquot;.i-i i n■■ zva. i i i n i n n\ een iegelijk, al wie. Een algemeen voornaamwoord is ook ?ï?-ïn het is zooveel als ons wat of at wat. Uv. j; i m 111 Krhi '.7 I'll I^' 'j* ^ I.i^w^inr- i^i in ''?i \ jij, wat of al wat je ziet, dat moet je ook koopen. Ook niet herhaald, maar dan voorafgegaan door een ontkennend redewoord, wordt ikï gebezigd voor wal, namelijk in asniÜh niet wat, d. i. niemendal, in antwoord op vragen als deze: '/wat zei je daar?quot; of //wat moetje?quot;. He betcekenis is ook wel eens die van het onbepaalde voornaamwoord van plaats ergens, Liuïti wordt, namelijk, in antwoord opvragen als: «waar ga je naar toe?quot; of //waar kom je van daan ?quot; ook gebruikt om te beteekenen nergens.

§ 295. Voorts worden nog, om ieder, etk te beteekenen, gebruikt ti Üï 11 )?i zoomede jh m fiitu t ip. Dit laatste kan ook de zin hebben van ons algemeen voornaamwoord van tijd: telkens. Zoo bv. Gesch. van Soepcna 1)1.

-ocr page 146-

DE TELWOORDEN.

42, 5 r. xm lil il' quot;.gt;fgt; gt;' i'i '■gt; J'1 Lquot; 'Ji }'1 ^ 'i1/'11 ^27 % te/kcjis nis i/i' vorst een dochter uithuwde en het meisje kus werkelijk maayd, enz. In uitdrakkiiigen zoouls bv. iti ! 11^ gt;ti n j j i i i\ i n i ^:ki,ón j i L.rn?'igt;•! t'i^ 'iiii/ ui gt;ij t.i i'i enz. heeft ijiki.vi insgelijks de Leteekenis v;in ieder, elk. De vier uitdrukkingen Ijeteekenen namelijk: vijftig rijks-dnntdirs ieder; ieder edt, ieder de helft; ieder de helft (precies afgemeten).

§ 2(,)0. Eindelijk worden onze algemeene voornaamwoorden van hoed a n iglieid of hoeveelheid: allerlei, allerhande, in het Soendaseh uitgedrukt met ^ i j gt;j li s. ti ij fj '1 * ü en o gt;.gt; /.i s. jt.Bv. i':i tn

i.y j,) ui 11 hi oi tj hi i i hi i'i n hj hi j. allerlei of allerhande meuhelen. Ook niet i i.h]' i S. J.i J~: I I )/i J.11 li, liv. i ï ml mi hl 1.1 i7i 1.11,hl,ir-—\ J/ct

'I, hl -tl _l 'i (

icordt ran allerlei ol allerhande yehez'ujd, zoo l)\r. S])rekende van zeker woord. En ons algemeen voornaamwoord van plaats overal wordt beteekend

met ui l i j.111 j, i ol i i : 11,111 il\ ook wel eens met t.it 11 tn l11lt; t oi htt i tm ; htPt

(gt;' f.i

De Telwoorden.

§ 2!I7. De telwoorden van een tot en met tien zijn de volgende;

■gt; O

11) L-,..............een.

i'l'i..............twee.

timi..............drie.

niuiihit]..............vier.

C~ ^'

tiu.i^..............ï'jf-

. 1 i

•ni ji13.ij . . . . . . . . . zes.

1 y i.-W..............zeven.

niiLinjiihif.....—.......acht.

iirijui/yj.............negen.

..............tien.

§ 296.

§ 2(,)S. In za me nge stelde be nam i nge n van hoeveelheid bezigt men ook het voorvoegsel ji 173). Dat dit eigenlijk niet één beteekent,

maar/fee/, ijuheel, zoodat bv. t.tt quot;'y hi/j\ eigenlijk is een heel jaar, in tegenstelling van een gedeelte van een jaar, dit merkten we boven ook reeds op. Voorts worden in zamengestolde benamingen van hoeveelheid, gevormd van naamwoorden, die benamingen zijn van voorwerpen, waarbij men rekent of waarin men iets uitdrukt, m. a. w. van maat, de telwoorden voor die naamwoorden gevoegd. Zoo bv. lyaji^n imilh^ vier gulden; ty uic-ii i/\ twee el. In andere gevallen worden ze soms voo r, soms achter het naamwoord gevoegd, waarbij echter nog opgemerkt kan worden, dat, wil men het cijfer, dat met het telwoord genoemd wordt, doen uitkomen, de plaats achter is.

-ocr page 147-

DE TELWOOllDKN.

135

§ 399.

§ 399. Wat do i'i^cnlijki; licteckoiiissen beti'cl't dor liicrlioven genoeindo tolwoonlen van cun tot en met licu, niet van allen zijn ze bekend. Aangaande im i.lt; kan vernield worden, dat dit eigenlijk vnkde oï sluks be-teekent. liet kan ook lu^t voorvoegsel ■gt;.gt; krijgen, en dan is zva.

ons een zekere 293). Met dat voorvoegsel zijn ook gevormd nm neyeii en j-ui/iwn lien, maar wat n i i i i-i.j dat men ook heeft in r:i n i li i,yi\ acht, eigenlijk beteekent, is onbekend. Wel bekend is de beteekenis van dit is namelijk kawi en zva. hoeveel, zoodat a-ibeteekent

cent hcelc hoeccelhcid, het vol getal der vingers van beide handen. 1) o.utujx vier is van den grondvorm luiMi/p die in het Javaansch nog in gebruik is. l/cee is hetzelfde woord als liet Latijnsehe duo, het

Fransche deux , enz.

§ 3ÜU. Een eigenaardig gebruik, dat men trouwens ook in andere l'o-Ivnesisehe talen, met name o. a. in het .Maleiseh, aantreft, is , dat men bij het tellen van voorwerpen achter het telwoord een naamwoord voegt, waarmee ielgt; beteekend wordt, dat in het een oi' ander opzigt op het voorwerp gelijkt ol' in aard daarmeê overeenstemt. Een zeer gevoegelijke vertaling van zoon naamwoord, als men liet vertalen wil, heeft men in ons sinks. Zoo bezigt men bv. bij liet noe urn van het aantal, van niet zeer groote, ronde of nagenoeg ronde voorwerpen, zooals klappervruehten, manggavriiehten enz. het naamwoord 'gt;fquot;^ hoofd en zegt bv. i.nniii of t y i:t gt;.ni 11 lt; ij n vijf sinks klapper- of maiujijnvruchlen. quot;'/) blad, gebruikt men o. m. bij liet noemen van liet aantal van veêren , van dingen zooals kwitanties, vellen papier enz. Bv. Sp. d. .1. bl. 19,4 r. v. o. kih; ;, ( y j/ƒ \ een sinks veer of een veer. ; ' jwi\ kw. Jav. een enkel, ook sinks en ook een; Soend. kern, pil, korrel, is liet woord bij vruehten, dieren, ook bij voorwerpen, zooals bv. geitenvellen of derg. en ook bij mensehen. Bv. (iesell. van Saiuaoen: ii.i.n engt; til i ^-i ui i.ti ~ J!ii.lii.i}'li \ i -i 'j ' gt; 'l f-' i-n 'j gt; 'I^ cn hij had ncycn kinderen of negen sinks kinderen, allemaal meisjes.

§301. Do telwoorden boven de tien tot en met negentien zijn gevormd met het. woord auru^ip waarvan de eigenlijke beteekenis onbekend is. Zoo: j 11 ï 1111 ij elf, t'j' i'' j hcaalf, 11 n i.ij r; a i ii,^ negen li en. Twintig is ,uji gt; t ^ n Een cn hrinlig lol en wel negen en hein lig worden gevormd met behulp van het woord .itn.ip waarvan de eigenlijke beteekenis insgelijks niet bekend is. Zoo m ii / ry\ eenen hcinlig, ly hcee en twin lig eir'. Wat 25 betrelt, hiervoor kan men wel

zeggen i?/1 ii?i in \ maar gewoonlijk doet men zulks niet en zegt iiiut/ri

1) Jav. Gr. N. U. § 1S9.

-ocr page 148-

136 de telwoorden. § 3Ü2.

0 1 wel j j ii /11 t j\ Jav. iirt gt; tj i t\ dat, als gevormd van n I-li I 'IN dt'nud, Ict-tcrlijk een hirle draad buteekent, en vermits 'i t ol' 25 wendingen om een haspel voor een streng gerekend werden, eeu streng garen. 1)

Het zal niet noodig zijn op te merken, dat men in plaats van tynni /gt;y enz. ook zegg(Mi kan iet' 'f j quot; j i ' J ' 'gt;x ' ''[ quot;[ ' ',71 N onz. Dertig is im'i! I j n ^gt;\ een en dertig enz. A oor veertig zegt men

.15 11 lt, ~i quot;j' x ï'jftig is ni! 11 j u1^ zestig is (inin li^ook wel if]/ :i /. r j ; zeventig is ''/'■) '' / 7'/ ' ^ tachtig is 7J) 7).; Lï ~ jquot; ï ^ ^ negentig is u i li i.i -ƒ ; ■ en voor honderd zegt men j.rn i ip ) p hcee honderd is Mfrni yj-ijK en zoo gaat liet voort tot duizend, waarvoor men zegt

1 ook wel eens n ij n i-j en een enkele maal ook wel, maar het is een .iavanisme, iji-iiyw Tien dnizend is i^n.tt.ti^*\ voor honderd duizend bezigt men .u i.n i!. \ en een millioen beteekent men met Van de hoegrootheid van laatstgenoemde cijfers kan de Soendanees zich echter reeds geen juiste voorstelling meer maken, en voor grootere getallen heeft hij dan ook geen benamingen. Wèl voegt hij , een reusachtig of onberekenbaar groot cijfer willende beteekenen, de woorden voor honderdduizend zoomede millioen, te zamen, en zegt zoo llihsl gt;. n .i?i\ voor een fabelachtig groot getut, eeii outelt/are menigte.

\ 302. Voor half of een half bezigt men mmim^ns Zoo bv. i-j.tV/ i ii gt; ij f. j j- feu half Jaar, i i i u i i gt; li / ^ ' i - een halve dag. .Ken vierde is j / m iiiii.ii] of i j lj 111 rnjw Men gebruikt het even zoo als .,i .lu m { en zegt

bv. ii li .li l ii f i j\ een vierde uurs, een kwartier. Drie kwart is lh n i li -gt;i li

j c . (

i ii,f. zoo bv. kic-itln °ij.gt;iili-li.l^id3ii,]\ een en drie heart el. Voor een en een holf of (inderhalf gebruikt men i'7i ik i i ii; i i jx ook wel eens i'i i.i.lh .l-ij ; voor //Vee en een half of dcrdej/dlf i. i i i i./1 u 1:1? ol nu 1J1 h j i. i ilh li / ^

Voor een half of de helft, van voorwerpen, gebruikt men ook .1.1.hm 11 ii\ zoomede iili hiw l'il laatste met een Basavorm mivioufw Bv. Gesch. van Soepèna bl. 43, 18 r. v. o.

liet woord voor een halve dnil is tjiuiniKn men bezigt het echter ook wel eens nevens i-ièn 11; 1/1,1 voor een halve cent.

i)i'i en l.n ij zijn benamingen voor tien duiten oS % cent, waarvoor men dan neemt, bv. bij het betalen van iets, dat een oewang of baroe kost, 8V2 cent. Drie oewang of drie baroe rekent men te maken een kwartje of 0,25 cents. Oewang is echter ook, en zoo wordt het woord welligt nog het meest gebruikt , de benaming voor 8 duiten of (gt;2/;j cent , zoodat drie 1.) 11 twintig centen maken.

1) .lav fir. N. 1). ^ l^'J.

-ocr page 149-

DE TELWOOUDEN.

137

5 :503.

jJij-hn is in de l'reanger de benaming van een bedrag van vier duiten of 'ilctv.7; drie sëtèngs rekent men echter te maken een dubbeltje of tien centen.

§ 303. Hoe van telwoorden, met behulp van het voorvoegsel mw bcna-niingen van rangorde worden gevormd, zagen wij reeds boven (§ 109), insgelijks dat ze liet aanhechtsel j-wmj kunnen krijgen (§ 133 b.).

Voorts veroorloof ik mij naar het woordenboek (artikels iCi\ en .i:») te verwijzen zoomede naar hetgeen in het Hoofdstuk «Over de \\ oord-herhalingquot; over den zin van dezen vorm is gezegd, voor de beteekenis van uitdrukkingen zooals bv. 7'/y■*)i-nt*n i.n^r^ enz.

5 301. liet woord voor ons maal, keer is ,mingt;\\ Zoo 1.1 tm nis een

maal, m ui j, h gt;?i\ twee maal, enz. In den zin van ons de eerste of de eerste

maal gebruikt men .tl.t7.bH of de tweede maal is j.»no ui«71»li

of i.im^ cm.» hiduw Enz. Bij het naar orde opnoemen gebruikt de Soen-

danees evenzoo als de Javaan eenvoudig de telwoorden. Zoo bv. Geseh.

van Abd. en Ahd. bi. 41, !■ r. v. o. t » t ! 11 i n - /'i ?! j.y ƒ i-n -\ ten eersten

of prim o water, ten tweeden of secimdo olie. In den zin van voor de tweede

maal bezigt men, bij wijze van kunstterm, van ploegen, dit is ge-

vormd \ iiii dat in het Javaanseh duhheld of tweemaal beteekent, maar

(j

in liet Soendascli ongeljr. is. Zooais ook in het woordenboek wordt opgegeven, ging, door verandering van neusklank Siniois zamengesteid uit liet woor(lj(! ,rj en ^ r-jt\ de oorspronkelijke vorm van twee, — over

in uifitm/ (Sd. (Li.i.y)\\ Genoemd woordje of wel j.h ei dat in liet Javaanseh wordt gebezigd om, in zamensteiling met telwoorden, de of het hoeveelste en hoeveel maal te beteekenen , is ook in liet Soendascli niet geheel onbekend, liet wordt namelijk gebruikt in datums van brieven zoomede in enkele uitdrukkingen zooals bv. *UiSaM iVuSt--» de zevende hemel.

§ 305. Wat benainingeii betreft van een onbepaald aantal of onbepaalde hoeveelheid, zoo heeft men in het Soendascli de woorden ninni\ ij -n lu zo.mede gt;1? 1:1 \ voor veel, en voor weinig terwijl de benaming

van het geheele aantal of de geheele hoeveelheid al ook wel al-le, beteekend kan worden met j,»,).«.»# cnao enz. ook met htitj rnen o-xioi 1 u en ook met gt; 1 lt;(n\ of wel gt; 1 ny\

Over i ''1 mi i.ij en 1 hgt; 1.'/ als helpwoorden.

§ 306. Zagen wij boven (§ I 1-7 en volgg.), hoe met behulp van het voorvoegsel .in van een werkwoord een naamwoord wordt gevormd, nog op een andere wijze kan zulks geschieden. Kn wel met behulp van het woord Dit beteckent jilaats, plek, maar waar men het zoo

-ocr page 150-

OVER EN .t ui mi ALS HULPWOORDEN.

1:58

§ 307.

:ils luilpwoonl tot vorming van een naamwoord gebruikt, blijft deze be-teekcnis geheel buiten spel, en is het voor den inlander iels van den-zelfden aard als een voorvoegsel of achtervoegsel, dat hij, zonder de eigenlijke zin en beteekenis te kennen, bezigt tot vorming van een et ander rededeel.

§ 307. Ziehier een paar voorbeelden van de wijze, waarop men zieh van bedoeld woordje , - i m gt;},} bedient tol vorming van een naamwoord van een werkwoord. Het krijgt dan het aanheehtsel i.i (§ 280) of wel het aanhechtsel i:ti\ IS-f). /oo bv. Sp. d. J, bl. ï)4, 2 r. v. b. waar van het werkwoord ; gt;gt; im.hnjlt; oinciUii/ zijn of zic/i hetoonen, van een last- of trekdier, een naamwoord is gevormd: j.n ^ -gt;1 is» ia j i» gt; y ra Y gt; l i. I n L n I J-: i }lt;:,-! gt;n ^ i. j :! j i IM.y . liet Tijlui(J ic.vvh'

niet in het aller minst van zijn plaats, uithoofde van hun onciUuj zijn of omcilUijheid; Seondasehe Modellen van verschillende brieven door Holle, 1)1. 2-1, r. I en 38, -1 r. 6 ijm hi n ^ ^ j ^ zo i ilij \ Iwt dienen, het den lande dienen. 1)

§ 308. Soms wordt het naamwoord, gevormd met behulp van ji? rmtfhiq-. voorzien van het voorvoegsel .i.t 173), dat alsdan den zin heeft

van heel of al. Hv. Cieseh. van Soepena 1)1. 4, 10 r. 0 ~.'t' gt; i 'i i n to in__ï nsi) gt;

jXj.tniSÏ! vi i*l tt i n.ici iu tjii t:i { li hij j,i\ wat den raden palih betreft, heel het dienen was met een wrevelig ytmoed, d. i. deze deed zijn dienst met een wre-t't'li'J gemoed. Desgelijks: j i -t tuf ui.i:i Pigt;'/ i i tn.t i tj hi^ i.'j '■•i cj.i tt .lij i.tu i.i hi t n .t-ii hit 11 inxi ? t ) ■ n j ^ '1 ' heel het verhlijven lt;1. i. gedurende het verblijf te Soemèdang, moet ge trachten u ov de hoogte te stellen van de manieren en oo/c van de bewoordingen en uitdrukkingen der boemedangers.

§ 30!). Het tweede van de hulpwoorden, genoemd in het opschrift van dit hoofdstuk, namelijk tit/ht-. wordt zeer veelvuldig gebruikt. En wel tot vorming van een zoogenaamd verleden deelwoord, liet beteekent verkregen of gekregen. Hoewel deze beteekenis veelal past in de met het hulpwoord zamengestelde uitdrukking, zoo gebruikt men toch i iligt;'i\ even-zoo als zulks geschiedt met zonder aan die eigenlijke beteekenis

te denken. Ten bewijze daarvan, kan ook nog strekken, dat, hoewel voor t tt/iit een algemeen gebruikelijk Kasa woord is, namelijk ijmi vï\ het afa hulpwoord s.u. is. Voor den Soendanees zijn er dus eigenlijk, gelijk twee woorden ook twee woorden i tmihw Een jiaar voorbeelden zullen

wederom voldoende zijn, om de wijze van gebruiken van i tu.iit als hulpwoord aan te toonen. I let wordt gevoegd voor het werkwoord, liv. Geseh. van

1^ Verg. .Tav. (ir. bi. 215, Ifi r. v. o. (Ml volgg., zoomede 2e LJ. § 218 en volgg.

-ocr page 151-

KKDKWUOItUKS' TOT UITÜKÜ KKI N(i VAN MKT l'ICRFECTL'M ENZ.

§ 310.

13'.)

Abd. en Abd. bl. Hl, 2 I*. V. O. ire f .1 ii i7lt; n £ ir? i jii i ».ƒ ij i i,n ui . / /1 rn t mi i iiL)i hnj)\ en uulc irarcn daar aiiiiiri : 'i(j drie personen, die een onlhlool zwaard in de hand hielden. ! i i n i-/ji \ beteekent: een zwaard trekken of' ontblooteii, tin .ui .u .èn.Kiit\ letterlijk: (jehregen ol' ver kregen hel onliloolen, d. i. bloul ol' gelrokken. Kvenzoo i.n/.iii:ini lellerlijk gekregen ot' verkregen door sleh-n, d. i. gestolen, bv. Sp. d. J. bl. 111, 0 r. i/n tni rt 1111.u ji:n' i'i 111/1,1 ^n i r]~i tSiMtunlttmttgjit:n (••}jU \ deze visclt is door je gestolen nil den vijver van den Kjai Dhnanfj. Andere \oorbeelden vindt men Gescli. van Abd. en Abd. bl. 23, r. 1, 37, iquot;. 4, 101, 6 r. v. o. en lil), 3 r.; voorts Sp. d. .1. bl. SI, 0 r. v. o., 113, 7 r. en 122, r. 10.

Redeicoordeu tol nildrukkiny can het Perfectum en erin den terledenen en toekomenden lijd.

§ 310. Het woord, waarmee men liet Perfectum uitdrukt, is tmnKyi of' ijSlcmia£/)\ al, reeds. Als li a sa bezigt men wel .u n uit 11 j\ bv. in antwoord op deze vraag van een meerdere: hehl gereeds

gegeten? Hoewel nu ii.i-n.tni^i.j\ wel zoo gebruikt wordt, ids i;. voor 1 m ^ .Kin 1 schijnt het toch juister het te beschouwen als het lias a woord voorliet, van wel te onderscheiden, dat klaar, afgedaan, vol

tooid beteekent. Van ctngt; gt; 1 j, 'nntMijs volbragl, voltooid, klaar, gereed. is ook het b. »n^ • m uigt; JkTflW

Een verleden tijd wordt beteekend door in nn m/ vroeger, voorheen zoomede door .vnin/m eertijds, ook met / ï nn ^\ en t niui die

alle drie voor zoo even, daar straks worden gebruikt. Een bepaalde ver-ledene tijd wordt uitgedrukt bv. met 1.» .11 gisteren en 1,11:1 fl i„.il]/\ eergisteren, maar dit laatste, i.ntrth-n imgt;\ wordt ook in meer onbepaalden zin gebruikt, namelijk voor: een dag of wal, bv. drie ol' vier dagen , geleden.

Een toekomende tijd wordt uitgedrukt met 7 quot;gt;™j) of yi.ii.nj. of wel iiii.nnij s. .mi 11 tvi\ b. zulle)!, ook kan iets in het Futurum ol' als te zullen geschieden uitgedrukt worden met behulp van het voorvoegsel en het aanhechtsel (§ 107). Het genoemde ^ gt;11.11,) ol' ijutnnp

ook wel ij n ,.1}J ot' ij 1.11.»wordt mede gebezigd, gelijk in het .lavaansch 1 »,11 id 1 (^Jav. (gt;r. 2e u. § 220) om iets toekomstigs als een voornemen te beteekeueii. Het is dan te vertalen nu t van plan of van zins zijn, willen. Hoewel in dezen zin ^ ui.en 71.11.11,7 in de beleefde taal mogen gebezigd worden, zoo voegt men er dan toch veelal het liasawoord i.» ut of iliuthtiimp achter ofwel vervangt het door .rtiijict viuii.iiiwjjsx

-ocr page 152-

HET KEDEWOOllU iLl.utw

§ 311.

1 to

Hel n deicoord mi tjtw

§ 311. Niet sleclits dat het Soendasch dit reclewoord, waarvan het B. gemeen heeft met het Javaansch, ook het gebruik er van is in beide talen in hoofdzaak hetzelfde. Het wordt gevoegd vóór een gezegde ol attribuut, en drukt dan uit, dat hetgeen met dat gezegde of wel attribuut wordt beteekend, gezegd wordt van twee of meer personen, die of genoemd zijn of wel, die men voor den geest heeft. Naar gelang van zaken, kan men het redewoord vertalen met beide, alle, wij (?oe) of zij (ze). Niet zelden ook kan men het in het Hollandseh voldoende uitdrukken, dooiden graiumatischen vorm van het meervoud tc bezigen. Zoo bv. Sp. d. J. hl 129, 1. r. i:»i (./ i —lil h} gt;■ gt;gt; ~i iet.ïoï iuii'gt;gt; !• a,1 \ jnder eu kind weenden heide;

S - • f

lil. i)l. 132, 7 r. v. o. 11 ui i i i*ii !■ ii i ^iii ijj ingt; m -11'i^ (illeii lociveii 'ui liiui schik, met hem, die spijkers kon maken; id. 141,8 r. v. o. ijniOlg f ~ Lu hu ij i~.n ^ 'ivj /• y ï.y gt;1 jlt;7 jo jii?on/j\ ,t.iia ^ m 11 tfi^tJi ia \ de menschen enz. waren zeer verbaasd; id. bl. 137, 9 r. j'icmi i i nadat beide

(of ze) gegeten hadden; Gesch. van Abd. en Abd. bl. 141, 6 r. v. o. G~i quot; ; - it i iiii ii/ hi' ii i ii i'ii!'lt; J' y I'quot; -'! in' .mi/.it» ^y.J.'I' toen ze i er^adigd

waren, maakten ze Inui excuses; id. 151, 6 r. v. o. ~gt;«n

n^viumasii\ daarop begaven zij zich buiten de stad; Sp. d. J. bl. 110, r. 1, ;^ },ƒ /1_ï,7j)■;mi ?.'j ict .kj 'j^ die daar oj) dat pas tegenwoordig waren. Hoewel lu^t redewoord soms kan worden vertaald zooals in het eerste, tweede, zoomede vierde t. m. zesde der gegeven voorbeelden, zoo mag toch niet uit het oog worden verloren, dat het eigenlijk niet beide of atte of wij {zij) berekent. Duidelijk blijkt zulks o. a. uit Sp. d. J. bl. 136, 5 r.

.i.i 7 jiti ï iy ^ .ï.^ 'i I* j i, i hii.it it n hi ? j t-J i.n lil ij\ beide knapen vielen in den hl oddt'). Beide wordt hirr uitgedrukt door (.y /n him niet door het redewoord, dit laatste heeft geen andere functie, dan dat het aan het gezegde een collectieven zin geeft. Laat men ?y omm weg, dan staat er: de knapen rieten in den modder. Dat men, ook na die weglating, toch wel vertalen mag met: beide knapen enz., zulks vindt slechts zijn grond hierin, dat men Ueee knapen voor den geest heeft. Een dergelijke plaats met mn ij™^ al te vindt men bl. 110, r. 1.

§ 312. Onvermeld mag ook niet blijven dat, hetgeen lloorda in zijn Jav. grammatica als opmerkelijk vermeldt van het redewoord ajgt;iio\ namelijk, dat het ook vóór een passief gezegde zóo gebruikt wordt, (lat daarmee een gezamenlijk doen, niet van het object, dat het onderwerp van den zin is, maar van een meervoudig subject (de daders) bedoeld wordt, ook geldt voor het Soendasche redewoord. Een voorbeeld vindt men Sp. d. J. bl. 137, 8. v. o. het plukken der peuhruchteti en het rooijen der hoeiots

-ocr page 153-

§ 313. VERSCTIILLEKDE TOT DUSVEK ON'HESI'ROKEN' R E DE WOORDEN'. l-il

was met veel verkrijgen, d. i. ze plukten veel peulvrucJUeti en rooiden veel hoeicis, mtkjiojIuiuiji/nföjmxrnaji^\ ze werden door hen ijedaan ineen wand of ze (ile moeder en de dochter) deden ze (de vruchten) in een mand.

§ 313. Aan hetgeen hier betrell'ende het redewoord a_im is gezegd, voegen we eindelijk nog toe, dat het werkwoord, waar het wordt voorye-voetjd, ook wel eens den meervoudsvorm krijgt (§ 111). Dat zulks niet noodzakelijk is, zal na al het aangevoerde niet noodig zijn te betoogen.

Plaatsen, behalve de reeds genoemde, waar men het redewoord vindt gebezigd, zijn: Sp. d. J. bl. 20 , 7 r. v. o., 110, 2 r., 114, 9 r. v. o., 125, -t r. v. o., 120 , 7 r., 130, r. 1 en ö, 134, r. 2, 130, r. 3; Gesch. van Abd. en Abd. bl. 13, 3 r. v. o., 109, 0 en 8 r., 174, r. 4, 0 en 8. Enz. 1)

l'erscliillende tot dnsver onhesyroken redewoorden.

§ 314. Wat de redewoorden betreft, die tot de hieronder genoemde afdeelingen behooren of zijn te brengen, zoo erkent de schrijver dat hij ze niet alle heeft vermeld. Die bv. welke hij opgeeft als te worden gebezigd voor de ontkennende wijze van spreken, zouden met eenige zijn te vermeerderen. Hier worden slechts genoemd:

a. Voor de bevestigende wijze van spreken:

S. j ynrj \ p. ^! ji gt;1}, i j B. zoo, alzoo, het is zooals Je (l') zegt, zooals L beveelt. Gelijk in het Javaanseh xmius is het Soendasehe een redewoord tot uitdrukking van overeenstemming met het voorgaande, dit kan dan een vraag zijn, een roep of toeroep, een bloote uitdrukking der gedachten, ook een bevel. In plaats van maar

het is platter, bezigt men ook i tu En in antwoord opeen bevel,

in den zin van zooals U beveelt, ook ^tnjjw Als redewoord voor de bevestigende wijze van spreken, namelijk in den zin van ons uitgemaakt of ongetwijfeld, waar wij dat, bevestigend antwoordende, bezigen, kan ook nog optreden het woordje ui quot;l^ eigenlijk zeker betcekent.

b. voor de ontkennende wijze van spreken:

(.71n of ia,t\ het laatste bij voorkeur niet tot meerderen: neen. Ook nurnwip andere, anders, wordt, en zelfs zeer veelvuldig, waar men

1) Om voor de h:uul lig^ondn rodeiiru liaal ik liior con groot aantal plaatsen aar.

-ocr page 154-

11.2 VEItSCHIU.KNni'. TOT DUSVER ONBESPROKEN REDEWOOBDEN. § 314.

ontkennendorwyzc spreekt, gebezigd, het is dan zva. niet of-tw is het niet, ook wel het is {zijn) niet. Opmerkelijk is het gebruik van tuirntnjf aan het hoofd van een gezegde, waarmeê men iemand iets zegt te doen, m.a.w. van een gezegde, dat een .Tussief 226) is. Aldus gebezigd, sehijnt men tuv.ntnji te moeten beschouwen als een los voorop geplaatst zindeel, met den zin van: :óo niet of «iet nl:on. Bv. m^n tn^ar» -rtvjwtftQt tm i.n ij i'i ij i it i } ft i gt; t ^ ui ii.i i y *gt;i I' 11. n j niet aJzoo , pluutst (tie d(tfi'ptitt/ten zou nli dat heJioort. tnat ze niet door elkaar tiijyen. Spreker ziet de dakpannen door elkaar liggen, dat hij daar geen vrede mee heeft, drukt hij, alvorens te zeggen dat ze, zooals dat behoort, moeten geplaatst worden, uit met

1 \ 1 '' 1 ' ^ (Tl O

tLi.t:n hi j\\ iJOSglUIJKS: rhixn tn jtu? gt;gt; 111 U) itï? m gt; rr; tui tj ,t,/j ^ \

ijinari,] niet «7--oo, vel dezen klapperboom , hij wogt eens eerder dan men vpno-ac//t, omvallen. De klapperboom staat op omvallen, en beteekent spreker door jlji:ntinp zijn niet instemmen met dien toestand, alvorens hij zegt, dat de boom moet geveld worden, waardoor het van zelf omvallen zal worden voorkomen.

c. voor de problematisebe (onzekere of t wij fel aeliti ge) w ijze v a n s p r lt;■ ken:

rt-jnunp S. B. misschien, allernet, moyelijk, welliqt; iZiJ\ het

wogt eens zijn of het zon toch l,-/innen tjeheuren dat; wellujt; alligt; desgelijks iO! y,, ] het zon toch kunnen zijn, 7 mocjt toch eens zijn of ijeheuren; .,,11111; of i.n.ild ■ jiT\ het schijnt, naar het schijnt , i ngt; iji\ soms, altemet,

loeUigt wel, wie weet of; ilu ni- mogelijk of best mogelijk, terwijl i:7i i»?.....

ihi'nty is zva. mogelijk....... maar even goed mogelijk; nnthtmn** wettigt,

mogelijk, soms, misschien; .u iïi i] t'n hest mogelijk. Dit laatste wordt gaarne gebruikt en zulke gevallen waar men zich, slechts om niet te veel te zeggen, problematisch uitdrukt en men, afgaande op zijn persoonlijke meening of voorstelling, genegen zou zijn assertoriseh (verzekerend of bewerend) te spreken. Ook n 11 ii i gt;■) of 7,7 n 1 gt;11 kan wettigt beteekenen. Willende uitdrukken dat iets niet denkelijk of niet waarschijnlijk is, bezigt men mn-itup a-nri/ of nuf\ het zal wel niet zijn, het is niet denkelijk of aan te nemen. Maar voor niet of voorzeker niet wordt m vnu/i ook gebezigd. Bv. 8p. d. J. bl. 90, 1. r. en 7*t, 6 r.

d. voor de assertorische (verzekerende of bewerende) wijze van spreken: o. a.

ook wel eens mijov s. m i.iy uy. B. werkelijk, wezenlijk, werkelijk waar; voorts igt;ji6^ihn.jM\ en k? i.ny* ook i}gt; gt;n^y■ of ojïIOi s.

iKtr 1 }lm en 7.i gt;1}huiii' b. daarnevens J.l i I! l il }lt;!N maar wat minder

quot;quot;1 quot;v

lioog: in waarheid, naar waarheid, inderdaad. Al verder: S.

Kjtnip B. zoomede Snvttitn^ SB. bepaald, gneis, zeker, vast.

-ocr page 155-

§ Si t. VËRSCIITIjLENDK TOT DUSVER OXBESI'UOKEN' UEüKWOOllDEN. 1 lo

e. voor de apod ietisdie (ontwijfelbaar zekere) wijze van spreken:

Mjjn noodzakelijk, noodtoendir/, onvermijdelijk', n-\t ui y / rj ook iLni^-n en mi ij) iji;i\ s. of wel «n u. het sal niet missen, hel faalt

viel, het sal zeker geschieden, ongetwijfeld. Zoo ook liet woordje ' y'/^ waarmee we als hulpwoord voor een Jussief reeds kennis maakten (§ 226 b): het kan niet missen, hel faalt niet. Uw Elmoe njawah, pada 61, tm-nan ' 7 quot;' c'^j quot; r ' quot;e~ :1/'/I' ,eaquot;t in de maand Jannarij kan het niet missen te regenen.

Om apodictiseh te zeggen, dat iets niet kan of niet kan zijn, heeft men .i n ?./i *gt; i~!i ii -1\ook wel i /i? m /.'ii i \ tut gt;i} ; i; i i f)f' ivni ttf 11 \geen kwestie er van dat; icat een vraag! geen denken er aan , dat. En om op die wijze te zeggen, dat iets niet is te denken ofte gelooven: ,.f ,1e*.-,, j ^

(uivnimivanjix iJni.y en i3_^ii,iKii n\ ondenkbaar, niet te gelooven, onmo-gelijk, ahsurd.

f. voor do vragende wijze van spreken:

behalve de vragende voornaamwoorden (§ 2S(J) heeft men: mum wat is 7, wat moet of beduidt dit (dai), waarom toch, hoe of wat, ook als uitroep in een vraag, waarmeê men zijn verbazing of verwondering ofwel versteld zijn te kennen geeft, bv. Gesch. van Soepëna bl. 35, 4 r. v. o. toe~»su •/ •

Li Mj-si (mi uió-sii'ii ijts)! f i?ifi hoe/ is dal wesenlijk engkang Soepen a of droom ik. (Jok kan i.t i n zooveel als ons hoe of wat zijn in bv. //wat ben ik blij ' of wel //hoe gelukkig ben ik . Een voorbeeld vindt men Gesch. van Soepëna bl. 33, 8 r. j.m n -i .m m ' ƒ * ngt; i'n m ij gt;'i -gt;i' 11 -) : igt; ij i \' hoe hoogst welgevallig is het vader te hooren hetgeen oedjang segt. Zeer menigvuldig wordt antun en dan doorgaans afgekort tot ook nog gebezigd , maar wij zouden zeggen //wat heb ik je gezegd?quot; 13v. wat hel, ik

je gezegd? (daar) komt hij reeds aan. Ook voor ons kijk! bij het vinden of aan( rellen van iets dat werd gezocht. 13v. .»m ö-^nn kijk! daar is 7 of kijk, daar vind ik het. In het laatste geval is het een inter

jectie! en wel een willekeurige uitroep (§ 316).

Niet onbelangrijk is ook i. n -gt;i ? och wat, oeh kom , hé! ah zoo; wat! Het wordt in een vraag of half vragenderwijze gebruikt om verbazing of wel twijfel, ook wel beide uit te drukken. 13v. Kitab Dongeng n. a. bl. 20, 6 r. v. o. «n-n frmiz, ilH oi-ii wiKii-n vlifiuiiKu och wal, is U een bode van

Uatara Wisesa! Gesch. van Soepëna bl. 13, 6 r. «jmi*

i^,tidu,,bii y in i ii Ki ki^n 7Cal beduidt dat om hem hier heen te brengen, och kom, is het wezenlijk een mensch en geen watergeest?

vnjasuw/j wordt gebezigd om, in een vraag ofwel uitroep in den vorm van een vraag, zijn verwondering of bevreemding, door een persoon of

-ocr page 156-

Itt VEESCIirr.l.EN'DE TOT DUSVER ONISESl'llOKEN' HE DE WOORDEN'. § 315.

omstandigheid gewekt, uit te drukken. Soms kan men liet teruggeven met hoe! of icat! ook wel eens met wel, wel! In de Oeseli. van Soepena wordt liet zeer veelvuldig gebruikt, o. a. bl. 10, r. 15 v. o., 3:5, r. 11, 35 , r. 2, 37, 11 r. v. o., 52, r. 4, 55, r. 15, GO, r. 1, 72, r. 3 v. o., 73, r. 2, 71, r. 3, v. o. en 77, r. 14, v. o.

aom? en worden ook wel eons to zauien gebruikt en dan niet

alleen, zooals bv. Gescli. van Sctja Nala pada 30, achter elkaar gevoegd, maar ook wel door een ander woord van elkaar geschoid'-n. Zoo bv. in dit zeggen tot een bediende, als iemand iets laat vragen, wat men dien bediende gelast had hem te brengen: j.-n-n gt; jmd i iiiu» tojgt;lir.np ,.ni wat! hoe :it dat; hoe! is het noy niet door je bezorgd?

waarvoor wij eenvoudig zeggen: wat! oi' hoe zii dat? ot wel hoe! is hel nog niet door je hezorgd?

ook wel Ft is hoogst vermoedelijk een zamentrekkingvan dmx

zva. x:niin j\ kijk, zoomede het pers. voorn. v. d. 2e pers. jfi lt;n jij, zoodat het eigenlijk beteekent kijk, jij of kijk eens aan, jij. Het is een redewoord, om hem , die iets vraagt, waaromtrent hij weet ot weten kan, dat de gevraagde het niet kan inwilligen of niet kan doen, — in een wedervraag,

O D '

aan die onmogelijkheid te herinneren, ook wel om niet, door een regt-streeks weigerend antwoord, van zijn ongezindheid om aan het gedaan verzoek te voldoen, te doen blijken. Wij kunnen het vertalen met hoe kom je er hij! JFel nou, komaan, of dergelijke. Hv, an ld »3 /i 11 'ii m jVu i;^ ri - ? mi.ioix fffat is dat, dat ge niet te paard rijdt. Antw. wel

nou, komaan, bezit ik dan een paard? Men moet het ook wel eens vertalen door Als (maar je weet wel beter) met den nadruk ook soms met alsof. Bv.

-rije.1 kjjui\ laten we te paard gaan rijden. Antw. auoaS mt.m\als we ze hadden; .f,i m 6^* wn /ua S rj ngij \ waar is het geld, akang. Antw. na iquot; rn i als of hel mij reeds gegeven was of als of ik het reeds gekregen had.

§ 315. Een paar redewoorden, die ook nog opmerking verdienen, zijn: /ut rVi m 'l is niet te verwonderen, H laat zich, hooren; dat zal wel waar wezen. Bv. Gesch. van Soepena bl. 29, 5 r. hj)xrnnninj) k inn' i n nf gt; i^i r

■gt;/» r.y 't is niet te verwonderen; dat de vorst ons een geducht standje maakte;

7. j;, ? -m m nn is 't mij duidelijk; nu begrijp ik; ook teregt oi wel ter egt. Bv. Gesch. van Soepena bl. 57, 12 r. v. o. r.t^ j ^ *■quot;' '-If

«j-suaiiiTjiji Tn imox hoe, och wat, nu is het mij duidelijk hoe Oome zoo wel [ lt;-■-

bovennatuurlijke kracht begaafd is.

m rii itt) -r)\ van njth en dit voor aS n zoomede rn m kan vertaald worden met: het moge zijn dat niet; het is niet juist noodig. I?v. «3 'h im-n iSijo r/mn^

tjMtiiiyyivn.iitni-yniKi^injjs het is niet juist noodig knap te zijn,op dat je

-ocr page 157-

VERSCHILLENDE TOT DUSVEH OX II ESPROK EN REDEWOORDEN-.

§ 315.

I 1.5

afweet van de schrijfkunst. Als Basa woord bezigt men wel liet .Tav.

o O . o ,N aji u i /ui rrn w 1)

quot;quot;.co

aj run nut (van ajiru en dit voor i?i ~ri \ zoomede !,M 7,-j \ tevtnofjen, hoeveelheid, maai): alleenlijk, hooi/stens. ]5v. Gesch. van Soepöna bi. 5 , 15 r.

ji.i hn ici in ui n ii 7-ji rj ti }lt;ii -rj 7,7 % alleenlijk een halfbroeder.

,7}'ri7,77,7,1 ? ook wel y)m/in ,71; is zamengesteld uit het Jav. ^r nrgt;) \ niet en KnxMsgelijk, maar de beteekenis, die liet volgens den Soendanees heeft, is een andere dan die van liet Javaansche ^ 1 ntn un gt; 11 in w Alen verklaart het namelijk met 7lt;-n? ???\ ook wel eens met flt;'ii1711 vn11 :n\ waarin ingt; i n dient tot-versterking, en ook soms met rmii.uTtiw Te vertalen is met:

hoe moet of hoe zal.... dan wel zijn; hoezeer moet (moest) dat hel geval

zijn bij, met, toen, als enz. Zeer dikwijls is de zin ook wat dan wel.....

Betreffende ip-nmiiu moeten wij evenwel opmerken, dat het niet slechts ook wel eens den zin heeft van alleenlijk zoomede van evenwel, maar dat het ook wel zoo gebruikt wordt, dat de beteekenis van het Jav. n.!»;-»»» ini n het is niet dat het lijken zon, voor het is al te erg! neen, dat is ie erg! allezins past. Bv. Gesch. van Samaoen: wat meer is, de menschen waren reeds alle uitgeput door in het geheel niet te eten en te drinken, 17-71 .}ai ?.(.? i.u ij 7j» i^ni i?/i },ti j m7 t gt;/ iirquot; lt; enz. Hier kunnen wij met den Soendanees lezen; hoe zeer moest dat het geval zijn met de kleine kinderen, ze schreeuwden het uit enz. Maar ook met de Jav. beteekenis: neen, het was al te erg voor ot met de kleine kinderen , ze schreeuwden het uit.

dan pas, eerst dan; nu of danook nu (terwijl het niet te pas komt). Bv. Gesch. van Soepena. 1)1. 57, 0 r. 11 ^ gt; ? 1 / /. n i':i ? * 1 / n 111,^1 m -m j jfiirm 1 e mi ? \ jij durft de lui eerst dan aan als ze gebonden zijn. Zoo ook: un aji i ia ? n u 10 • nSirn t.i 1 w \ nu (quot;of dan) durf je, nu (ofn.fo) ie in huis bent; 1^1 gt;7-'i 7/1^ l-t gt;.ty iXigt; i.7t-j 7:1^ n i njj nu d. w. z. terwijl het niet te pas komt of ongelegen komt) regent het, juist op het tijdstip van het snijden der pare.

rui 1 -n/Sn gt;nij of rrnz-mQnin^ er maar goed aan toe zijn bij vergelijking met een ander. Bv. crrtzniftn/KtJjtLirtizi'irti/rnic^ii.iji.tHrniMpjij bent er maar goed aan toe (bij vergelijking met mij), je bezit een lieftallige vrouw; .nil ii? Hiql i ri ] 1 'n ? 1 ■gt; r/Iiiij'n ?,-7 7- jij bent er maar goed aan toe (bij vergelijking of in tegenoverstelling met mij), dal je begiftigd ben! (of je bent begiftigd). Ook als willekeurige uitroep (§ :517) wordt nu gt;n gebruikt en wel i. d. z. van ons: 7 mogt wat! ook voor ons :

I) Jav. tl? n ttii'i-i of Mi'iim ri\ n. uj i'i ni\ k. mogelijk, het is mogelijk, ilüdi zoo dut het took niet zeker, en alleen maar hij geluk mogelijk is; ook weinig kans, er is weinig kans enz. (ini-ii. K\v. zva 1 i.j 7\ mogelijk, misschien?)

10

-ocr page 158-

INTERJECTIES.

dat gaai mijn verstand te hoven! Bv. (u\ t u i'» r ).gt;iut i:n w kh nj} asrj \ jij heht

een Jwele schep geld. Antw. lt;rn?^^itI?tl?zx-n(uiij/d^nj\ ^t mogt wat! veel

7 » O O c* z' O amp; O o O

(/el (i : r/) ? *gt;7t-7) i h)ja\ j^iin infi.i hii ihi\ ojH qo i ij) c— taj kh . tm 2 im \

J * s (j\ s 't, cj N

dat gaat mijn verstand te Loven, dat een Chinese}/e vrouw, nadat haar man overleden is, niet wederom wil trouwen.

ct\ is een uit- of toeroep, tot uitdrukking van liovigen spijt. Gemeenlijk wordt .Qi/irn (§ 156) tot versterking er aelitcr gevoegd. Met waarom ook- of met waarom toch ook kan men doorgaans vertalen. Zoo bv. in laatstgenoemden zin: Gesch. van Soepena bl. 57, r. 2 e?^uiji?i; rii gt;5) .m m iu uitniu^ ti m injjCi^n'n^ waarom moest jij je ook verzetten tegen mijn meester.

En eindelijk ^unnsn^w Dit kan men soms vertalen met wel; wel te verstaan, 7 is waar, ook wel eens met toch. Maar gemeenlijk geeft men den zin het best terug, door den nadruk te leggen op liet woord, waarbij iku ,,, bekoort. Zie hier een voorbeeld, waar het met H is waar kan vertaald worden: Gesch. van Soepëna bl. 56, 5 r. 6^tx~nx^t^nmrun.ii°i 1.71 ^gt; rj .tn ;\ ik hen ook een man , 7 is waar, een kleine. Andere plaatsen van 3-11 rf.iitif zijn: Sp. d. J. bl. 43, 1 r., 63, 5 r. v. o., 103, 6 r. v. o., 140, 4 r. v. o.; Gesch. van Soepena bl. 3, 6 r., 31, 13 r. v. o.; Gesch. van Abd. en Abd. bl. 67, 5 r. v. o.

Interjecties.

§ 316. Zeer rijk is het Soendasch in woorden, die gebragt kunnen worden tot zulke, die men in de grammatica onderscheidt als interjecties of tusschenwerpsels. Vooral talrijk zijn de klanknabootsingen, zoomede uitroepen van een gevoel oi' gewaarwording als ook woordjes, die iets afheelden, dat men met liet gezigisvermogen waarneemt. Het ruim gebruik, dat er van dergelijke interjecties wordt gemaakt, geeft aan de taal iets bijzonder levendigs en aanschouwelijks.

§ 317. ]5ij de uitroepingen, en daartoe behooren klanknabootsingen eigenlijk ook, moet men onderscheiden zulke, die willekeurig gedaan worden, van onwillekeurige uitroepen. Over de laatste zal het in het geheel niet noodig zijn te spreken. liet zijn slechts geluiden of klanken, m. a. w. zoo'n onwillekeurige uitroep is geen woord, dat op zich zelf een zin uitmaakt, zooals bv. r.7,-111\ of c-mkic-n wel verbazend! en

CO

evenmin is het een redewoord, zooals bv. • of och! ach! helaas!

en als uitroep afgeperst door pijn: ai! anw! dat bij een zin gevoegd wordt, om het gevoel of de aandoening uit te drukken, waarmee iets gezegd wordt.

31S. Omtrent de klanknahootsingm moet opgemerkt worden, dat erbij

§ 31G.

-ocr page 159-

fXTKHJECTI ES.

§ :U9.

117

zijn, die, zonder verandering van vorm, als werkwoord kunnen optreden. Zoo fungeert bv. i-c i.j\ dat een klanknabootsing is van liet geluid hij het afgeschoten worden van een kanon, als werkwoord in n.i n-n

weldra donderden de kanomen.

§ 31!). Opmerkelijk is ook het bezigen van (^en klanknabootsing zooals

bv. Gesch. van Soepëna bl. 59. 9 r. v. o. oj n» gt; (iij i-c i.ui m ,.-ï; i anS u

'' '

■ . Qv O . ^ o O

o^i{cnjfturi Wjp o^rn_i-n irnmi in m ni? w n^rj lh w kh ïj nnsns i i

(irn tuj nitrni (ui H in ki)/j\ vci m » ] i n i j i i j i m onderwijl de vorsten ZOO zamen aan V spreken waren in de pasanr/raJ/an, kwam het rijtuig der vorstin aanrollen enz. De schrijver heeft hier de omstandigheid voor den geest, dat de vorstin aankwam, gezeten in een rijtuig, die omstandigheid betee-kent hij, door, voor het werkwoord n.j; i 0i komen, aankomen, te plaatsen het woordje '/ een klanknabootsing is van het rollen van een

rijtuig. Hetgeen wij daar straks opmerkten betreffende sommige klanknabootsende woorden, namelijk dat ze zonder verandering van vorm ook als werkwoord kunnen optreden, zvdks geldt ook van oyj** »gt;»,;■ Een voorbeeld vindt men Gesch. van Soepëna bl. 15, 6 r. alwaar het voortrullen beteekent.

§ 320. Zeer belangrijk zijn die interjecties, welke als het ware de uitdrukking zijn der meer o f min de r goed gelukte poging, om te schilderen of af te beelden, hetgeen wordt gezegd met het volgend werkwoord. Zoo'n interjectie, die bij een zeker werkwoord bepaaldelijk wordt gebezigd en er dus om zoo te spreken bij behoort, noemt men allezins gepast het redewoord voor dat werkwoord. Zoo is bv. iuigt; unit waarmee afgebeeld wordt het openen van den mond om te gaan spreken, het redewoord voor een werkwoord, waarmeê spreken o(zeggen wordt beteekend. Hv. Gesch. van Abd. en Abd. bl. 17, 7 r. m ino üjjiuif quot;fnjl g) KnjhTJI ld. bl. 85, 8 r. V. O, itgt; n IJ hy.-nhi/ps Sp. (1. J.

bl. 96, 8 r. v. o. leest men: 'i j-j --n i quot;y r'^ j,; c- :gt;n y gt;gt; i'jquot; i' y ';y gt; \ eindelijk, plof, stortte de oude lediende op den grond. Hier beeldt hot woordje (^ir^ ^ het geluid af van hetgeen met lietvolgend werkwoord hi (gt; i wordt gezegd. Desgelijks Gesch. van Soepëna bl. 1(5, t:i r. v. o.; Toen de prinses te huis was gekomen, rn utj /.r/f hi jrit t.'ij u n un ƒ ■ wier]) zij zich (terwijl zij lag op haar bed of matje) om en om. De interjecties i nw.) c.it rn i.„,/ zijn twee klanknabootsende woordjes, het eerste, dat met hof otplof U terug te geven, beeldt het geluid af van ,.n, ,, ,n,p op den huik gaan liggen, van iemand die ligt of zich op den grond wierp, het tweede, i.tn.np paf, van ahtin-rtunp op den ruq gaan liggen , insgelijks gezegd van iemand, die ligt of zich op den grond wierp. Zoo ook dat hot redewoord is voor Mn aaiirj-riKn ihiq\ suizingen in de ooren hebben of krijgen, zoodat men

10»

-ocr page 160-

INTERJECTIES.

§ 321.

lts

niet meer hoort, zoomede voor ».ii w i vi \ als razend zijn, zoodat men niets meer ziet of hoort. Bv. Gesch. van Soepëna bl. 54, 18 r. v. o.

17 J_l-J lil gt; U't ' ) ( y I7?l u l\ r'j rnrt. tl 1 11' rj gt; t J,quot;)1 \ f/r' /t'/'OOiïJïrhl H , dB

woorden van Toerbali hoerende, kreeg suizinyen in de ooren; id. bl. 49, r. 1. i y ;:n n j i tj r n r?i i j }. u 11' ij ' i iiihi j /'ot'rhdl(i en T'oci'holi werden als razend.

In deze uiulrukkingen is ^ klaarblijkelijk een nabootsing van het geluid, dat men meent te liooren, als men hevige suizingen in de ooren heeft.

§ 321. De interjectie is ook wel eens een afkorting van het werkwoord, ook wel eens een woordje, dat slechts den klank heeft van het werkwoord, soms ook een woordje, waarvan de betrekking, die het heeft op het volgend werkwoord, voor ons niet zoo gemakkelijk te voelen is. Zoo lezen wij bv. Gesch. van Soepëna bl. G4, 18 r. v. o. m i'i i -} m ((;m m f-i gt;: i l-- irt' i Si vnisii^ gezwind gingen ze met hnn vieren de hoetas te lijf. Het in dit geval als redewoord voor iMrp (voorwaarts gaan) of if iir^i rii gebruikte ikji\ is eigenlijk een afkorting van waarvan iets schuiven,

voortscJiuiven, voortduwen. In het zooeven bijgebragte voorbeeld van r-u is het redewoord niet in het Hollandsch terug te geven. Dit laatste is dikwijls het geval. Zoo is, om nog een voorbeeld te noemen, dat het redewoord is voor mi ? cn 8asnj^ \ en .Knxjie-.^!unitnjf\ beide beteekenend zijn hewustzijn verliezen, bezwijmen, zoomede voor verdwijnen, verloren gaan, ook voor él irj zich stilletjes uit de voeten maken,— onvertaalbaar, door gemis in het Hollandsch van een overeenkomstige uitdrukking.

Op bl. 23, 10 r. Gesch. van Abd. en Abd. is de zinsnede i n r'n gt; dan ook niet anders te vertalen dan met: ik verloor het bewustzijn oï en verloor ik het bewustzijn. Desgelijks kan bij de vertaling van het ^ 11

\ dat men vindt 6 r. v. b. op dezelfde bladzijde, het redewoord in het Hollandsch niet uitgedrukt worden. Dat redewoord is klaarblijkelijk wederom een klanknabootsing, en wel van het waterscheppen, dat een vaartuig, als het sterk overhaalt, kan doen. Het gevolg nemende voor de oorzaak, hetgeen hier zeer verklaarbaar is, omdat, aan het waterscheppen van een vaartuig, als van zelf het te gronde gaan er van, in de gedachte wordt verbonden, ging men bezigen als redewoord voor i.nygt;\

zinken.

§ 322. Maar niet altijd worden de hier bedoelde redewoorden zoo, met een werkwoord, gebezigd. Integendeel, dikwijls treden zij zelf als het werkwoord op. Als men echter het gelijktijdig bezigen van redewoord en werkwoord, zooals boven werd gezegd verklaart, namelijk, dat de Soen-danees met het eerste tracht af te beelden of te schilderen, hetgeen hij voor den geest heeft en vervolgens met het werkwoord zegt of noemt, dan ligt in het soms achterwege blijven van dat laatste, waarvan de functie dan

-ocr page 161-

INTERJECTIES.

nis van zelf op het redowoonl overgaat, niets, dat kan Ijevreeraden. Wiln-ncer zulks nu kan oi mag gescliiedon, dat is bezwaarlijk onder regels te brengen. Men handelt ten dezen vrij willekeurig, spraakgebruik en de noodige duidelijkheid beheersehen de zaak.

Een enkel voorbeeld van het optreden van het redewoord als werkwoord zal voldoende zijn. Wij kiezen daartoe nijw Hiermee wordt afgebeeld //ei iels van zich doen, werpen, icegtcerpeu of vit Je hand werpen, van dnar ook ackler laten, aan zich zelf overlaten; in den steek laten, liet is het redewoord voor ,7j / ook voor mi mi in / .utjiw l?v. Gesch. van Samaoen: b// ri }*j J ^ Jjn

i.'i jv^ tLgt; j t.aci ui m n 11 }. ) j. daarop tiet AToertad zijn paard in den steek'.

Maar Gesch. van Soepëna bl. IS, r. 2 vinden we ^ ui a.n n.i j. n

h\ sommiye wierpen de wapens teeg. Uier heeft het redewoord in

verband met hetgeen er door wordt afgebeeld, de beteekenis van ,°iijimi/j\ wegwerpen, m. a. w. treedt het als werkwoord op. Op dergelijke wijze kunnen de redewoorden imiu^ en zooveel meer als werkwoorden

optreden. Het zal echter niet noodig zijn zo hier nog eens te bespreken, na hetgeen er in het woordenboek reeds van werd gezegd.

Ten slotte brengen wij nog slechts in herinnering (§ 221) dat de hier kortelijks besproken interjecties ook nog zeer veelvuldig be vele nd er w ij ze sprekende worden gebezigd. Soms met, ook dikwijls, zonder het hulpwoord fingt;-»1 (§224). 15v. ni/3.ij\ weg ! ga heen!ga weg .'weg! Zoo ook lui.lijs dat een redewoord is voor nemen, aannemen, in ontvangst nemen, mede voor ontnemen of met geweld nemen. Het is bevelendenvijzo gebezigd : zva. neern aan, zie hier, bij het iets geven of ter hand stellen aan een mindere of jongere, liv. Gesch. van Abd. en Abd. bl. 103 , '.) r. h7i i Mi'o-H.U/? K7 i:»ï ^ KI KHy \ il,/J 1

T ii i S) iisii [j ^ (K i itj r.1 ^ iiji)} -li 7L)? ij jn rit ï. n i r?.) \ en 1HI JOIUJOIS

aldus: neemt dit geld, voor ieder honderd rijksdaalders, gaat er ojgt; uil naar T.ggpte.

De redewoordjes ƒ of ),y j\ Ij I:n ^ \ rj t-n iwn i ^ \ in! i ^ ol ,j m 11 j zoomede I gt; f m j'*

§ 323. Wat de woordsoort betreft, kan men ze brengen tot de interjecties. Wat hun functie aangaat, het zijn demonstratieve woordjes, ze dienen om met nadruk te wijzen of terug te wijzen op dat, waarbij ze behooren.

Achtereenvolgens zullen wij ze kortelijks bespreken.

§ 324. of wordt geplaatst voor het woord of de zinsnede,

waarop men met nadruk wil wijzen. Dikwijls is het redewoordje in de vertaling niet anders terug te geven, dan door den klemtoon te leggen

§ 323.

-ocr page 162-

150 DE h F, 1) F. Uü() r l).l KS ).y j O!'' jF-y KJ j \ l n gt; \ 'j iiii mm j jj \ ENZ, § 325.

op dut, waun'oor liet is gevoogtl, en dit laatste op deze wijze te doen ritkowe», zooids wij zeggen. Zoo l)v. Geseh. van Abd. en Abd. bl. 97, 1. r. .hiirnitii hj ii hii )Ji vi*,ijrjiisii{\ dit is / dat onheil aanhragt; id. bl. 93, 9 r. v. o. hluu t huamp;i ijhi {schrijf, a/s volyl; en 3 r. v. o. i a gt; i. a i ij: 11/1.:' i j J a i ki ~/c, schriJJ1 atzou. Insgelijks JMI nhjjti'n uiij hoe U Je iiacmi? Soms k:n) men het rodewoordje vrij goed teruggeven met ons toch ot toch v'i'l, bv. Ciescli. van Abd. en Abd. 1)1. 57, G r. 'yJ1'71' ij lii ' i ii ia i tl ,iï i!ii Jij lent toch vel ff el', dat Je niet bedenkt. Ook wel eens door en, met aeeent uitgesproken, bv, in mv

en het huis dat is en groot en mooi.

In eenige gevallen kan men naar verkiezing i.ij of' bezigen, liet

spraakgebruik is ecliter ten dezen niet volkomen consequent, misschien zou men als regel kunnen aannemen, dat, waar iDanj-, in de beteekenis van wezenlijk, werkelijk in de uitdrukking past, men of of mag

gebruiken. Trouwens, het lijdt wel geen twijfel, of ook daar, waar het niet vervangbaar is, zooals bv. in de gegeven voorbeelden: W?)

'j hi i wjj u; i i j\ en .j.; in ij j i i 'gt;i 1.1 rj ui {is ƒ niets anders dan (Ie stam of de grondvorm van In zulke gevallen heeft het evenwel de be

teekenis van wezenlijk of werkelijk geheel verloren, en is het niets anders dan een woordje, om met nadruk te wijzen op iets, dat men wil doen uitkomen in den zin.

In het insgelijks hier boven aangehaald voorbeeld ui j ny t? ij mij lh j enz. is vervangbaar door i^hjjw Doet men zulks, dan luidt het ITol-landsch: werkelijk gek Leu Je, dat Je niet bedenkt. Een vervanging van door i~-ihj,j is mede geoorloofd in uitdrukkingen zoo als m^c-iishn te weten , en wel, na},lelijk, dat is de reden ,c\\'/..\ ;,y j ih i y i ii i n ot gt;.y j hh vn y u ij in gt;\ evenzoo, desgelijks, ook zoo; i. ijr i ii\ daardoor, daarom, precies om die reden, juist daardoor. En niet alleen dat men wel bv. zegt, men

schrijft het ook. Zoo bv. Handleiding voor de kuituur van padi op natte velden, pada 63: m / Iijr- .1:II ''^/n natnelijk, ge moet zorgvuldig

zijn enz.

§ 32.). liet hierboven in de tweede plaats genoemde redewoordje wordt gebezigd, vooreerst, om iets, waarop men met nadruk wil wijzen, te doen uitkomen. Tot dat einde voegt men het daarachter. Zoo bv. Sp. d. .l.bl. 123, 2. r. v. o. iii w tjijiri /mi j?iiisnjj\ het vriendelijke uiterlijk

verdwijnt; id. 1 1 t. 2. r. v. o. I) 111' iii.t u t n nn 1.11 U mi gt; nii.i 11- -i ii i j \ die ze out'

left ''F' (/ /«il. gt;!,lt;

stoken heeft, in waarheid, dat is de Ueere God-,v\. 120. r. 1 ^.ii^ojnc^nnijru ij n i ij ili ij an * in i mi ai lt; i m a.1 - hoe/ bezit die ring inagt? Ten anderen wordt ijibtii gevoegd achter een persoonlijk of aanwijzend voornaamwoord, zoomede benaming van bloedverwantschap, als men het oog heelt op den toestand ot

-ocr page 163-

^ 32G. DE KEDEWOORDJES uj j OF óSi HJ.j ifntèf\ ? J ^ ENZ. 151

gesteldheid, op een bepaalde hoedanigheid of wel op een zekere wijze van doen, zijn of spreken van den persoon, die met dat voornaamwoord of die benaming van bloedverwantschap wordt bedoel:!. Bv. Gesch. van Soepöna 1)1. 35, 4 r. V. 0..i,t\ c- its» 'j i -■gt; J.y -j :i.I £!m\6^iiisn vi i^ irh rj in? t l 11 ,1 hot'! is dat (deze persoon, met deze wijze van doen, zijn of spreken) wezenlij ie engkang Soepcna, of droom ik; Gcsch. van Abd. en Abd. bl. 37, 2 r. v. o,

vader was niel op zijn gemak; id. 57, 6 r.

ij ; i ij), tj tn n i j] n en/,. Jf heul loc h u't'l gek datje niet heden h't vwv*. Zoo ook waar met het voornaamwoord een zaak wordt bedoeld. Bv. fresell, van Soepëna bl. 35, S r. v. o. ?, tt rtin j.y ƒ lt; :n in m ia cn t m ? 'i 't-it j \ wat is de prijs, Njai, van dezen ring (die mij juist past en mooi is). Maar ook nog achter andere woorden dan voornaamwoorden en benamingen van bloedverwantschap wordt zoo gevoegd om te duiden op een toestand, gesteldheid, enz. Bv. 8p. d. J. bl. 7, 3 r. V. C). rn iugt; ; t t.j ij j.ji^7 n tlt tVt. 1 tj1,1 tj 10\ deze vogel was hegeerig te kunnen doen zooals de lammergier; Gesch. van Soepëna 1)1. 30,5 r. J,7| gt; ttrt ni \ .1.1 t.^ni n .r.t .mmrni till i-ni?iyi in koopman, wat is de prijs van dezen ring P Sp. d. .1. bl. 115, 7 r. v. o. jij^tTne-rtt m 7i^).)^- i d 7 } jij 111 k) tj:L'ttgt;' nu Ja, werkelijk mooi is die ster (die daar zoo flonkertquot;).

§ 326. Ten derden, en zoo misschien nog wel het menigvuldigst, dient het redewoordje, om, gevoegd achter de benaming van een persoon of zaak, een of meer bepaalde, bijzondere van die personen of zaken aan te duiden. Daartoe bezigen wij een aanwijzend voornaamwoord van persoon of zaak of wel het bepalend lidwoord. Zoo bv. Sp. d. .1. bl. 126, 3 r. tn ?.1 viy 1.11111 h 1 ii 1 i~ti 1.1 gt;i t't j gt; deze diamanten ring dient slechts tot een zigthnar hew ijs ;

id. bl. 121, S r. v. O. gt; ij Ij l- I tji gt; gt;1 til t 'li/I itj j I.u? m m .70t il I.n i-ij N door dien bezoeker werd geïnformeerd naar den prijs per iket; (iesch. van Abd. en Abd. 1)1. 63, 2 r. gt;■ y i.n .m ij! t /1 :1 J fgt; / /.} 1, i gt; -t n ill! tj 11 r - ? 7 11 ip lj 1''/ nsii

door mij wordt aan Ahdoerahim vergiffenis geschonken voor hetgeen hij misdreef door het dooden van dien man; Sp. d. .1. 1)1. 142, 1. r. (kiSi t i^ax7 1/ i'n ii) tj11) m/ ij i n ? \ nog een half uur en dan is de opor ook guar; id. bl. 9 , 4 r, tt ■: 11 )| ij 1.^11 try 1.11,11 iji 1.1 \ de muskiet was uitermate verheugd; id. bl. 125, 1. r. ij' 111. n f 1.^ ij hu {7,1' gt;11 \ de kodja vroeg; Gesch. van Abd. en Abd. bl. 57, 2 r. v. o. .gt; 1.1,1 m ió 1 quot; ij ia 1 \ welke is de op te hangen man? Sp. d. J. bl. 136, 6 r. r:j ïl,/ f :i inj ij n i ij ! t kii r.ti 7Jgt; tj ^ \ Cf WfJS

iemand, die voor hij hcam en tot de knapen zeide.

§ 327. Gelijk hel zoo even besproken redewoordje wordt ook hef

redewoordje nj l-d iu\ als men het oog heeft op zijn toestand of gesteldheid, wel gevoegd achter het persoonli jk voornaamwoord of wel de benaming van bloedverwantschap, waarmee men zich noemt, Bv, Kitab Pongeng n, a.

-ocr page 164-

152 DE KEÜEAVOOHDJES Jyƒ OF gt;1 i'n 1 \ ittj\ ENZ. § 32S.

;--j ■ '^ gt;lt; ij gt;i! ijt n it/ in). u i m i n \ icnl mij Letrt-fl, ik hen er niet heyeeriy naar.

Doorgaans is echter de zin en beteekenis van dit redewoordje deze, dat er meer olquot; niindcr nadrukkelijk mee gewezen wordt op een bepaald, genoemd oi' beschreven iets of wel op een bepaalden, genoemden persoon. In de vertaling kan men zulks veelal uitdrukken met behulp van liet bepalend lidwoord, ook wel eens met een der aanwijzende voornaamwoorden die ot ilat, voorts niet zelden met het woordje (jenoemd of Leicusle, met :oo eren ol' te voren genoemd, enz. Waar liet redewoordje niet op deze of dergelijke wijze in de vertaling kan beteekeud worden, daar moet men zich behelpen met het leggen van den nadruk. Voorbeelden zijn: Sp. d. J.

Ml Q — ^ o (quot;) O fgt; ol Q — ^ o (quot;) O fgt; o

. L ~ , lt; I. Ij ! ) h! tct lij i 'i gt; hii f vn .f.igt; (hl hj I i hj f ? i f in Vj h) .ill hu 111 i^in /j

en verzocht hein het huis te icijzen van den persoon, die den hewusten jas leende aan den armen man, die den weg had gewezen; id. bl. 125, r. 1 iiil'l li lt; hu i j ^ ; ,..1111' ?,)_-ƒ ). li f, 7 .;■ƒ I. n Ij j, 7; j ï \ toen hij hwam aan de (of zoo even genoemde) plaats, waar feest werd gevierd; id. 151, 7 r. jsn 11 t ry 1.1)1 ij w mi 'rgt;^l quot; h'i l.i i i,/ 'ƒ 7.) 11 }\ maar de kosten van het regtsgeding zonden hooger geweest zijn dan de geldswaarde

van den schat; id. bl. 122, 2 r. 7.7nu i:n n KJ7r:gt;? 1; ^quot;1 \ .77).1:11JK it \I:},).1Ï11

^ O 1 O •• '■gt;- co

j^t.t.i terwijl gij er op uit waart, heb ik een winstje gemaakt met

dat sits; id. bl. 2 / , -1 r. v. 0.5 id. bl. 111, !■ r. .1/11 i/i^ tint 111.i t y 1 n t11 j .71 ji i i:i t i:igt; tip -n Dj 111 n j,777;) 111 f i^tjjj i ii; ] i'i .join a.ii\tiifit lang daarna stal Hoegel andermaal een goerame uit den vijver van den (of genoemden of wel zoo even genoemden) Kjai Démang; Gesch. van Abd. en Abd. bl. 59 , 2 r. t t-ttt-j ;.7 vu t, lyii, 17,7 zijn naam is Ahdoerahim. Tn liet laatste voor

beeld kan het redewoord slechts , door den nadruk te leggen op het woord Abdoerahim, worden beteekend.

§ 32S. is mede een redewoordje voor den nadruk, liet wordt gevoegd achter dat, waarop men dien wil leggen. Inzonderheid wordt het gebezigd, waar men met nadruk op iets wil wijzen, in tegenstelling van iets anders of het tegenovergestelde. Zeer menigvuldig wordt het ook gelijk (j 325), gevoegd achter een persoonlijk of aanwijzend voornaamwoord of wel benaming van bloedverwantschap, het redewoordje duidt dan insgelijks op den toestand of de gesteldheid of wel op een wijze van doen, zijn of spreken van den persoon, die met dat voornaamwoord of die benaming van bloedverwantschap wordt bedoeld. Voorbeelden zijn: Gesch. van Abd. en Abd. bl. 51, 9 r. v. o. juiahjiquot;;,17«t tuj 11*1101 .gt;11 «v-i,p Ipi r.n e~\ als ik permissie kreeg vooraf naar Bagdad le-rng te keenn, dan zou 't nog gaan: Sp. d. bl, 90, 2 r. v. o.

1 it:rj i^ut.^ t^tt ? \ .1 n yi*i,i:ii it) Cin) tj.ui tu i i.j 7717 voor een vogel (in tegenstelling van een mensch) heeft geld geen wit; id. MC, 8 r. v. 0. 1 wm{

-ocr page 165-

f or. iti;1!: .ookim:gt; i.ij ok t-iyp -/.n.- t/umi .•/ i.n/.. 15:'gt;

1:1 i'ii i.i ii/(h ; i.i i.gt;ir nu (^in tegonstelliiiu; niet vroeger, toen wits /jilk~ niet het kreey hij aUedanytsclw ku-tt; id. 106, 1. r. ». i '«i«».; i.«t?ilt;

jti; i ■ it gt;j ii gt; i in /.li i tji 11^} gt; HiixscJii fit zult tji' ut' ditiiitidl (in tcgfii-

stflling niet lt;Ult; vorige keeren, toen deedt ze het niet') naar 'itiijn hevel hmterai; id- 1)1. 1:37, •gt; r. jk ; i n'? ik Imt ze niet. In het

laatste voorbeeld duidt het redewoordje oj) de hoedanigheid ot' gesteld-lieid van spreekster van de bewuste groente niet te lusten. Ook wordt ; wel gevoegd aeiiter het woord, waarmee de hoedanigheid ol gesteldheid wordt genoemd, bv. kitali Dongeng n. a. bi. I t, 11 r. ,.v nt.n n nu i.-i rfi lt; i ah je hteenl dat hij welyesteld Is. Kindelijk nog de/.e plaats, waarin wederom, gelijk in het eerste voorbeeld, voor den nadruk is achtergevoegd : Sp. d, .). b], 151 , !• r. v. o. r i n gt;.in i Ïi i i ji i i/ u /jy i'i n i : i; i n i i i.i i , i. y i.,' ,/1 is dn- L'ooi, zey //'. /-v uoij met i/i'oot te noeiaen.

\ 32'.). Ken zaïnentrekking van ('n is iih'ii i ot' i« ti ■ ■

gt; a hetgeen over genoemde redewoordjes is gezegd, /.al het niet noodig zfju nog over zin en beteekeais van n, „ n ■ of m».» ■ uit te wijden. Trouwens, gelijk het een zaruentrekking is van t/inm en zoo ver-

eenigt het ook beider heleekenissen in zieii. Hv. (re-rh. van gt;orpèiia lil.

ni i i V 1 . 1 -i . . 1

1quot;. . n i * t J i i i gt; i i n ; i n i h n }. i i i i i J r gt; ;.y j i /gt; .l/m. im »'»»

gt;.»; : i ; iii/ n gt; i.i i.'n i i r'i i^i i i i n / ij li/ • ii : i // l'O/'sl Sor^f'iid Zcidc (Ullt-

woonldtO o/ ictciiciidc: och XJai, de reden dai //• trn-n. is, oi.idal ii' l/wr (tis creehidchnfj verkeer; (iesch. \ ;m Sjiumocii ; ; n j ] i.ij , , i kj :?i r i /1 n i j j ; i i n i.y i. ijj ) n gt; / h i - i : i i i 1.1 j . . i.iif i i »/ /('(/ / dr fjtff'rste l •) fje/oor'f/i'l/ heirefi. ze droef/en er ijcen ken nis run. dui Sn 1,1 oneu aan f vcchicn icu-s. Andere plaiitseu /jjn: (icscli. mui Ahd. en .\l)d. 1)!. 51». r. 1 en loo.l. r. gt;|). d. .1. hl. 10. lt;j r.; id. 87- 7 f- en KJi?, o r.

^ i)o0. 1 Iel Ijuitste der in dit hooldsiuk te hespreken redewoordjes, it- w !en

wel ij hi j ^eel't tot belangrijke Ojjinerk inzeil annleidinuquot;. (ie-

voeu'd achter een voornaamwoord, is het /va. .• / t/.ilt;- ^ 32^. Zoo 1)\. Mo-

dellen Soend. Briewn door llolie. Hr. n ■] 5 n/n 111 gt; hi j i.i j i.ïi i ij , i gt; i n •

s,i ii : i 11J i.n ii ■ i i,i,j //* dcs./r/ ijl'-s, crnfiif, (Mi/.. Ie iiiinstf. /oo , in den

zin van ;/■ kan men het daar. omdat ook nou- /.// •:- volirt wel

n ■

opvatten, de regel is echter, dat ii'i.ij hij wi,/.e van nadrukswoordj*'. vooropstaat en zoo heziirt men dan ook y m • of kortw eg 7,/yN

voor eoenzoo, dexyeJijl'-s. Hv. Geseh. van Soejjèna hl. 18. r. 17 en hl. 26. '2. r. v. o. \ oor den nadruk wordl hel «••evoegd voor ri uimui (dit wel v. or ii ti ni m lett. horvecl mecr^)/ .i is:hi i n i n i m kan g('meenlnk vertaaid worden met /(/(// -v/nn/t. I»v. .li* i*i n i n i }11 ij : i yj n i n 111 n ■ t: hi^ i n i.y ij : i rj t) i i ij i i jr ■ ' i i 1.1 j i.n in .w xtddH (ld! hij m ij tr rfrn (Jdj ■ IKXJ

niet eens een anjaartjr (juf hij mij. In denzquot;Hden zin. namelijk in dilt; ii van

-ocr page 166-

Iquot;)!- VDOK/.KTSEI.S KN VdKG WOOU DKN. ^ oij I

Otis Iddl x id (lit, bezant mtïll quot;i UI'II gt;' I'l ' ƒ mj*'. igt;\. i n 'ii'! n

I II in J -11 ' I il I gt; a t it i. ij ).j li I, I !) ij 11 ii mill ! * rfi; : ƒ j.() }j ill' I i gt; ■ dit ItOch' ZO / UU't

rerntann morden door ieinniid die h-im/i is, Ianl staan dour een dounne.

\ 331. Ten slotte wordt hier iioü; opgemerkt , (hit het aAttajf in ajitv/w i?i welk hiiitste men wel eens vindt voor iiriji.ihï in het Soendaseh

'lx

gebruikelijk vooj-: ivdien , rt/.v, ook: wat hetreft, writ arii/t/aal, m', niets met het zoo even besproken redewoordje ligt; 1.1,7 te maken heeft.

l it if 7,1 hï i~ het Jiiv. 1/ uigt; ij 1.1 hi dat een x.amcntrekkinu' me! verkortini; is van 1/' 1' gt;/j ij^1 /y Kr. van 1 n.1 gt; i/1.1 ^ ' j een voegwoord . om een nieuwe volzin met een vorigen te verbinden.

! oorzetsels en ! oei/woorden.

§ 332. \ :in de woordjes, die in het Soendaseh een betrekking tot eeniif

voorwerj) kunnen aanduiden . m. a. w. van zulke, waarmee beteekeud kan

worden, hetgeen bij ons geschiedt door een der voorzetsels naar, nan,

/'ij, in, op, ran, orer, jegens enz. daarvan zijn er een paar, die weeenig-

zins uitvoerig behooren te bespreken, liet eerste is i.». dat (/aan naar

of (jaandc naar beteeken t. en. bij een werkwoord, dat een beweging

ergens heen insluit, de betrekking, die wij aanduiden met ons voorzetsel

naar ol naar toe. /00 by. y n i.n 1 aj'y ' gt;f t? 1 gt;■ ij 1:1 //• /jen tan ptan naar

Handoenr/ teyaan, oiii een paard te koopen-, desgelijks Sp. d. .1. bl. bl. 117,

lü r. v. o. i n 1 1 i i i'f 11' 11 1' 1' 1 i n 1 1 i n daar strdks hoedde hij (janzen, i/cuiude

of' daa.rtiij r/aande naar de rivier-, id. bl. 132: 10 r. in] 1,11:11,1 / iTi 1 n 1 1

(- / f '

ui n ij 1.1 tj in ij* l-ochten de imnoners ze, {daartoe) yaande naar een andere hoofdplaats, waarvoor wij zeggen: t/inyen de imconers ze koopen op een andere hoofdplaats; Geseh. van Abd. en Abd. bl. 69,3 r. A'W Ahd/oerahmau vutakte Dtsgelijks zijn tuetiereidselen, i/i 11-1^ n 11. n 1 u mi ij von zins zijnde ter//f/ te keeren naar Bagdad. -Maar niet slechts wordt , zooals in het laatste voorbeeld, de betrekking, die wij met ons voorzetsel naar of naar toe bc-teekcnen, met / » aangvluid, tal van andere betrekkingen tot of' op een voorwerp kan het aanwijzen. Zoo kan het o. a. nog staan voor onze voorzetsels in, aan of' met, bv. (iesch. van Soepèaa bl. 2S , r. 12, vademaal nn ïnijn dochter -\/'/ Sekar .troem ; / m't '.i gt; u i rn i.h gt; nj 1:1 .i, 1 j 1 1 ij in n ^1quot; j n reeds een echt genoot hezit in of reeds gehuwd is aan ('met) Jladen /t leng ka ra // oeloeng; ook voor op, bv. (iesch. van Abd. en Abd.bl. 53, (i r. nix-n . 1 i 'i : gt; i^i i_i 1 111' 11111 i'n\ en daarlij adi. vertrouw op a-kam/, enz.

§ 333. Mag in deze voorbeelden 1.» geacht worden de bijzondere betrekking aan te duiden, die wij met een voorzetsel beteekenen, en waar-nieê wij het dan ook gevoegelijk kunnen vertalen, altijd is zulks niet het

-ocr page 167-

\ OOK/KT.SKLS i:\ \ oKG WOOK DKN

^cval. Niet /.cldcn namelijk wordt liet ook ccnvoitdiir !)i een werkwoord gevoegd, tot verbinding daarvan met een bepaling, i'.v. Sp. d. .1. b!.

■' 1 ■ ' IJ* J i'i i I' n j I i I t: i ' i i n i 'I :hn t y 11 i I Ij I t ).n LI t : 11; I /// tut

och lend nnr kicahi Hriiipfli coorhij of' jiunnccrdc Sruiplti hd erf rrm (Icnmniil.

Zoo ook tot verbinding met het voorwerp, bv. Geseh. van Abd. en Abd

bl. Sö, 4 r. me! dat hij coder in In! oon l-reeti, in! i.nn lt; i n, n m

i ■■ i in

n ■stuud hij o/K tenrijl hij rader mei de hand li-enkle om te naderen liet spieekt \an zelf. dat waar lt; n slechts zoo tol rerhindhiy dient, dit de niogelijklieid van de terlaUmj met een voorzetsel niet altijd uitsluit. I!v ^ 11 ■ ' ^ *'■ bl. 1.29. II r. M 'i I n !. ii i n ti ■ 1.1 in 11 !I 111 niet dot hij hiram aan het huis ran den nmid.

j •gt;.gt; I, /onderling' is liet gebruik van rn aebter/. zooals bv, Soend.

Zitmenspi «i ken. bl. 35. r. 1. 111 n m ~ gt; 111. n i.j i,u i-ij ii 11 n ijo//1 i »»/.»/.*» »ƒ 11 / j ij i'i i.ti'i.ijji. gt; i.n u i'gt;.] m n ■ t ur. . want de wijze, waarop zij de zaal.- opval en zieh (ledraagt teffenacer mij. ix niet zooals tegenover een maroe, zij hehan-dett mij evenzoo ah een meid. Men beweert, dat in zinwendingen zooals deze. in dikwijls achter ik'-x wordt gevoegd, dat zulks echter geenzins regel lgt;. blijkt o. a. uit (icsch. van Abd. en Abd. bl. 7.r. I

/''' r'f '■' quot;/ quot;i ii' '•'/ ■ ■ iï'J behandelde ze evenzoo als staren. Hoe het zij. beteekenis zal men aan i.n hier wel niet kunnen toekennen, tenzij die van een. doorliet vooralgaatide i volkomen overbodig, verbindini;swoordje.

j .Met behulp van het uanlieehtsel is van gevormd x

Dit is vooreerst (■en aanwijzend voorzetsel van plaats, bv. Sp. d..).bl. I;i6, 1 ■ ' 'J ' 1 '-'j * i' i 'i i * 'J ! ic)' i igt;i i i in n Lu ' i * ifn* nij\ heide kjinpcH rielcii in den modder; id. US. * r. v. o v i » r 1.1„ Jo» j k» «mi ».1». 1«,« jv zijn tong l-irain te zijn gekleefd aan hel verhemelte ol' zijn tong hteefde aan let verhemelte. Ten anderen dient het, evenzoo als izie voorquot;-. 0, tot verbinding van het hoofdwoord met de bepaling, bv, Sp, d. .1. bi. 114, r 1 v. b. mm »i« i ttji tnxi ~li / »»i ij ii .hnhoe Saridja had zeer veel Inst in den arbeid; ld. bl. 140, I r. ,, ^II I. ,I a / ,,ƒ ,.y mfi 7 . 1,1, injnm. il-ni^i ir^i ii:gt;.i.r.ij iuf\ en daarhij gelieve V voortaan deze sprent: niet

le vergeten. Ken derg. voorb. vindt uien bl. 115, 5 r. v, o,

§ oSG. Na lietgeeii in de voorgaande §§ onitrenl liet gebruik van lt;„ zoomede van i.na.i is gezegd moet het in het oog spritm-cn. dat. uien wel eens ».«*■, vindt gebezigd, waar m ook goed zon zijn. en omgekeerd. \ ermits het spraakgebruik ten dezen zich niet altijd geheel gelijk blijft. igt; het niet wel doenlijk te lormuleeren, wanneer bedoelde verwisselinu* van ».» met .1.111.1 en omgekeerd kan of geoorloofd is, \\lt;-l js atiii te quot;•even. wanneer 1,1,1.1 niet gebezigd mag worden. Dit mag namelijk niet. waar bet voorzetsel gaan naar ol gaande naar (§ zal moeten bcteekenen,

-ocr page 168-

V» V»i:/.KTSELS KN VOEGWOOHDKN

onk niet, waar liet bij tvn werkwoord, (l;it ecu bcwcïg'ingergens Iuhmi insluit, de betrekking /.al moeien uitdrukken, die wij beteekenen met ons voorzetsel naar of naar toe. Zoo mag men niet zeggen ^ #»i.»ƒ/ u .Lt'iu maar moet liet zijn (^zie anngeh. §) /ƒ » m.m i n enz. Desgelijks niet

(ieseh. van AImI. «mi Abd. O'J . t r. n ti i,h tit i n t.i i n m 1:1 )• maar »; n kh m /

' ( / Ci ' ' c /

Evenmin in tuur /.»/j.» i »i •;'n voor: hrtutj het naar Jmh .

(y

maar I n I i nr t,n I n : i

§ 337. Eindelijk merken wij bet rellende nog oj) , dal dit ook ge-

voeicd wordt voor een vooropgeplaatst naamwoord, om daarop met nadruk te wijzen, liet is dan wederom een aanwijzend voorzetsel en te vertalen met ons voorzetsel aanyaande ol wel betrelfeiide. Bv. t v nr •» i / / n n (of ./ tn nr o;) /1 / .• /; i w/•v' .* / Mƒ p\ heti'efjelide ol wat heh'cjt (he zon!-'. //■ heli ti' ifeni deel aan.

) 3oS. Eigenaardig behoort hier te huilt; een besproking van tie in §7-quot;gt; be loeide uitdrukkingen zooals bv. i.u n ; 11 lt; i.n/j.ii let/ het {\)\ . het boek ) oj de tafel; i.ntnji '///.j,; lii'en(j het (bv. het paard) naar den •sta!; min .ti i higt; 11 ny i.i )\ hremj het naar ol' onder de loods; en derg. Ze z ,n zaïuen-gestehi met het voorzetsel i.n naar en het aa n lieeh t sel in'iij hetzelfde sullix. waarimv het causatief werkwoord wordt gevormd. IV l men hier wel degelijk het voorzetsel ».»/ en niet :mders heelt, 1)1 i jkt al dadelijk uil de omstandigheid, dat men in plaats van bv. i.n m j j iii? i.ij ook zeul i.ii h) i.n j i iu' j ij ()()k de beteekenis die o. a. /.i/i /^'yhiH'll, laat geen andere opvatting toe. (lenoemde uitdrukking, die gevormd igt; van iiii'-j het oé,/ zijn of hef alt zijn (van de nnamh. beteekent namelijk viarhct om zijn . d. i. h'ijcn het cm de (van de imiandV lgt;v./Minenspr. bl. 11.4 r.

? i y /1 y i.j i} i i,j j i n t ti 11 n t-n n i* ttt i.n gt;i i ii ij i n waiiiteer z/(/t f/fj dat J'cest 1,1 oeten (jcrcn/ A ntw. ' 3 j 1'' ' 1,1 gt;quot;gt; * gt; w/j s^. 11 i j ti 11 11 n r.ti / i hu ji n 111

■i 111j 111 gt;■ i f 11 i a //j :~ri ! n i.n 1111gt;: i i.nt i.i ]\ ttif ieceii en fcelzijn van mij en (Cl • J 1

dr kinderen, hoop ii' dat te doen in de maand DJoemadH ahir. te (jen het einde.

k .Maar wat is nu in zulke uitdrukkingen, dikwijls, maarniet al

tijd. bevelende uitdrukkingen, de functie van bet aanhechtsel i.n'i.tj'l Zooals wij vroeger reeds opmerkten, is dit sullix tot vorming van een zoogenaamd causatief werkwoord . wel hetzelfde woord a's het Maleische voorzetsel al,-an. waarmee een betrekking tot een voorwerp wordt beteekend. Zoo mag dan het aanhechtsel i.ii*i,ip in uitdrukkingen zooals bv. het hier bovengenoemde i.n tj: 11. in* i.i j i.n gt; » * i 'jy gt; gt; j ' quot; quot;1J'1/ '1 '{•/?'lerg. gewcht worden de betrekking te beteekenen . door den spreker in het leven geroepen of gevormd, lusschen iets en dat, Inrtgeen beteekend wordt door het woord, waarvan de uitdrukking werd gevormd. Kij i.ti ij n ik i.n'hij bv. drukt dus het aanhechtsel Zquot;kere bepaalde, door den spreker door mid-

-ocr page 169-

VOORZETSELS EN VOEGWOORDEN.

5 340.

157

del van zijn bevel, in liet leven geroepen of gevormde betrekking uit, tusschen liet boek en de tafel. Desgelijks bij gt;■ n i ; i igt; ij ngt; j\ (Ir betrekking tusschen liet om zijn of het uit zijn en de maand.

§ 3-tO. Een andere vraag is, of het aanhechtsel niet wel eens gemist kan worden, of het bezigen er van niet wel eens verklaard moet worden, uit de in het Soendascli zeer sterke zucht, om do woorden te verlengen. I'-n het schijnt wel, dat die vraag voor de gevallen waar de uitdrukking niet bevelend is, bevestigend moet worden beantwoord. Zoo lezen wij bijv. Zamenspr. bl. 18, 12 r. v. o. ^ tu /,n },nij m gt; gt;,i^r :i n)..a i n^ j.j^\ hetgeen daar beteekent: ik ging noordwaarts, zij zuidwaarts op. liet moet voor ieder duidelijk zijn, dat het aanhechtsel hier tot den zin niets toe doet, en dat het even goed zou zijn, hetgeen trouwens de Soendanees zelf erkent, als er stond ry ,, , ,.,, hnijiLix e-amiHnu-jtvijjw In sommige gevallen echter is het bezigen van het aanhechtsel een bepaald spraakgebruik, en vindt de Soendanees dat de weglating de uitdrukking stijf, maakt. Uit geldt bijv. van het

hooger genoemde hu ili 11

^ 341. ^ an zoon, met het voorzetsel mi en het aanhechtsel ge

vormde uitdrukking kan voorts, met behulp van het praejix nol '.•4) een 1 assiamp;f worden gemaakt, /oo bv. van j. m ^ ? i j.-c in * j,) j of n gt;1 ijt 1i. n i de Passieve vorm i.i j. n ! 11~- gt;,}] ol aPi i. o 7^; 11.-.- ?. n 2 ?,■) ^\ op de tafel gelegd, gezet, geplaatst ol' derg. worden of zijn. Van dergelijke Passieve vormen, geboren, dooreen woord, met het voorzetsel m, of wm tot prae-lix en lomnjj tot aanhechtsel, te voorzien van het voorvoegsel .i?,\ behoort wel onderscheiden te worden een Passieve vorm, zooals bv. hSktj011.1711.11» Immers deze is niet op de beschreven wijze ontstaan, maar is de I assieve \orm van het causatief werkwoord .1 :i ui * i/r]gt;.j, 1 y ÏGts iu de ï/oogte leggen of plaatsen, dat met behulp van den neusklank en het aanhechtsel gevormd werd van n nj i'ijgt; naar boten, omhoog.

§ 342. Een ander belangrijk voorzetsel is tSiw Het treedt op als aanwijzend voorzetsel van plaats, waarbij het vertalen is met te, in, aan, bij ol op. Bv. bp. d. J. bl. 130, 2 r. t}^i^-t gt;1111 s t 1 /1 gt;1.}} ^jii/ in tPi 1 n 11 ^ in njtM\ de officier bleef een nacht in het huis (of lm huize) van zijn vader. Een dergelijke plaats vindt men op de voorg. bladzijde 6 r. v. o. liet wordt ook gelijk tm (§ 335) met behulp van «in verlengd tot !iS.tn\ bv. Sp. d. J. bl. 132, Sr. hSm Kj£jc-.iisniuimjirvtixnimi luirjun .io\ in d:t dorp enz.; id. bl. 138, S r. i:n'p hij hield halt hij een waroeng; id. 'J r. M iy m iry.iyi.uj

en ging zitten in het gras. Ten tweeden Wordt nclx insgelijks als aanwijzend voorzetsel, en gemeenlijk in den verlengden vorm, gevoegd voor tijdsbepalingen. Bv. Sp. (1. J. 130, 3 r. v. O. rJ! },] j h 1 rj r i tu i ] I1JS1 s hn .j'tl i.i ijhi^ rif^iay-n. op zekeren dag enz.; «Sm (hier ook .t?gt;\ goed) mtt tjui

-ocr page 170-

VOORZETSELS EN VOEGWOORDEN.

§ 343.

15S

r_ i'gt;i rii iji.i i^ iLi ij li gt; } /n o/gt; dien dag enz. Omtrent het gebruik

van ij] of no?iio\ zoo voor een tijdsbepaling, moet worden opgemerkt , dat liet spraakgebruik zoowel aquot; of ,u7m veroorlooft voor de woorden: a.mi.w. dmj, i n.i.i^ gt;-1 ƒ gt; Jcidt', iui^iin en i'in.i\ lijd, tij'Jstlp,zoomede' i:i^711 j,i ^\ vinavd. Maar dat liet iS eischt voor liet woord lütêhs nacht, avond, terwijl het iö?j,i prefereert voor het woord /yrf van of voor iets. Yoor een

bepaling van hoeveelheid of maat, bij wijze van ons p e r, 1 ezigt men insgelijks .ij!jn\ bv. Gesch. van Abd. en Abd. bl. 33, 9 r. v. o. hSaniij]iuiu%m i 'i 11 o'j f 111 n ] \ rirr rijksdacildefs po' vaatje.

§ 343. Met ft3 kunnen voorts nog tal van bijzondere betrekkingen, die wij met verschillende voorzetsels beteekenen, worden aangeduid. Zoo, om ons tot een voorbeeld te bepalen: Sp. d. J. bl. 131, 6 r. v. o. oiljm? ni OU tj CV\ kij was ijverig in zijn Kerk, waarin de bijzondere betrekking, die wij in deze zinsnede met het voorzetsel in beteekenen, in het Soendasch door middel van jSJ wordt aangeduid. Ook bloot tot verbinding wordt a?) gebezigd. Bv. Sp. d. J. bl. 135, 2 r. mmijkiisgt;i\ al wist hij ook den eigenaar.

En wat uiï-in betreft, behoort nog te worden vermeld, dat dit ook gebruikt wordt zooals i.tiki (§ 337). Het is dan insgelijks te vertalen met aangaande of betreffende.

§ 344. Waar wij in het Hollandsch de voorzetsels duor, wegens, of zoo-a's in '/vreezen voor iemandquot;, het voorzetsel voor, in //vervuld zijn met blijdschapquot;, het voorzetsel niet, in //gebrek hebben aan of verlegen zijn om iemand of ietsquot;, de voorzetsels aan of om, bezigen, daar gebruikt men in het Soendasch het woordje i. y w Zoo bv. i.h .«i,»gt; ^ jn lli i.i^ i.-ijj iïi \ ik heb juist groot groot gebrek aan of ben juist zeer verlegen om een koetsier.

Alsdan in beteekenis overeenkomende met ons duor of wegens, is «m het voor-zetse , waarmeê iemand of iets als te weeg brengende of bewerkende oorzaak wordt aangeduid. In de Passieve of Objectieve wijze van spreken dient liet tot verbinding van liet Passief met het Subject, en wordt er dan mee beteekend, hetgeen wij in zoo'n geval doen met het voorzetsel door of van. Voorts wordt .i.-y nog in eenige bijzondere uitdrukkingen en spraakwendingen gebezigd, waarvoor wij ons veroorloven naar het woordenboek te verwijzen, en dient het mede nog tot zamenstelling van sommige voornaamwoorden (§ 252), terwijl het eindelijk ook nog dikwijls wordt gevoegd achter mm li ^ of ij i,j buitengemeen, zeer, in hooge mate, bij uitstek, te e enenmale. Maar vindt men de genoemde twee woordjes, meer bepaald in dichtmaat, dikwijls zonder i.^ er achter, ook i.y wordt wel alleen gebezigd , niet zelden zelfs in proza, liet is dan een afkorting van aomoi^ of ^ i5i^?j.y\\ Bv. Gesch. van Soepena 1)1.7, 11 r. v. o. In pl. van i ^

-ocr page 171-

VOORZETSELS EX VOEGWOOKUEX.

§ 345.

159

bezigt men soms ^ 324) terwijl het versterkingswoordje ^n'n (§ 156) ook wel wordt tusschengevoegd.

§ 345. afkomstig can, van, uit, ran af, komen raw, wordt op dergelijke wijze als mi tot mi ui en tot «j!mgt; met behulp van ni\ verlengd tot iliimw Omtrent dit laatste kan worden opgemerkt, dat het figuurlijker-wijze ook zeer dikwijls gebruikt wordt om een oorzaak tlt;; kennen te geven, waarbij liet te vertalen is met ons wegens, van wegens, uit, ook wel eens met bij to ij ze run. liet wordt dan ook nog wel eens gevolgd door j.y \ bv. (resell, van Abd. en Abd. ld. S7, 10 r. ,i,7( .)nhyniih'u^I J\

uit erkentelijkheid.

Mede wordt «Sim gebruikt, om een benaming van persoon oi' zaak, bij wijze van bepaling, te verbinden met een woord, dat een nabij of veraf zijn beteekent. Bv. Sp. d. J. bl. llü, 8 r. v. o. toen verschoot Kemts cieh ut een hollen dangdeur, t i.-; I i^ ijl J-S .71 / ;n)j\ die niet ver van den weg stond; id. 110, 7 r. .T.ui.iuiy jii^tL/i t^Li' t u: ^ .t-/i .vi ,i:in£i^\ hij lezat een rijver niet rer van het huis. Ten anderen bezigt men het onk wel, waar wij het voorzetsel door gebruiken i. d. z. van door middel ran. Ev. 8]). d. J. bl. 131, 0 r. zoomede 142, S r. En eindelijk dient het tot verbinding, bij een bepaling van tijdsverloop. Het kan dan vertaald worden met na of nadat. Ev. Geseh. van Abd. en Abd. bl. 131), S r. .1 li? tjtiLvjjibïi nj i!gt; ^ ut i n ma?) iui.tLi\ drie dagen later nadut het gestolen v'erd. Een ander voorbeeld vindt men bl. 55 , 3 r. v. o.

§ 34Ö. Niet altijd heeft iCu de hierboven genoemde zin en beteekenis:

afkomstig van, van, al moeten wij het ook dikwijls met ons voorzetsel

van vertalen. Het dient namelijk ook wel blootelijk tot verbinding van het

werkwoord of wel van het hoofdwoord met de bepaling. Bv. 8p. d. J.

bl. 141 , 4 r. V. O. i;i 111 f i _igt; ,n j i r gt;i' i : i'^ n i in ti i n \ deze eijereu gekocht

ran wieu, d. i. van wieu heht ge (oi zijti) deze eijeren gekocht. Desgelijks

3 r. v. o. in? tïih tij] .tl t 7lj a^i s^-t .gt;,! i. ii i'ti Kt ettti III quot;ft J-.I -.7 ).'J \ tk helt ze ne-{ ■quot;/ l l '■!(. I J

kocht van kandoettg, den zoon van den schoenmaker. Zoo ook waar wij een ander voorzetsel dan van bezigen. Hv. Geseh. van Abd. en Abd. bl. 1C3, 2 r. .ui 1 h 11 rn 7.1 .in / 11171 ij 1; i'7 ik 11 ■ ut et ra mpspoed lezocht, als heb' bende zich bezondigd jegens vader en jegens God.

§ 347. In con/jiaratieve zinnen heeft «,»«7 en ook »71 den zin van vergeleken met of wel van dan of als. Bv. Sp. d. J. bl. 154, 8 r. de kosten evenwel van het regtsgeding iiy?./1.1 itii m 11.771.1.i\li.i.?: 1 i^.m nn zouden meer zijn dan de waarde van den schat; .rn.iili .m y i.'i.tlt;i M.'.wi.j.y mi.; i-im dtl, de grootte er van, meer, vergeleken met of dan het van gisteren, d. i. dit is gr00ter dan dat van gisteren.

Aciiter L'-7.11 of i.ii«.rii\ behalve, uitgezonderd, uitgenomen, dienen deze

-ocr page 172-

VÜÜOZETSELS EX VOEGWOORDEN.

§ 31S.

IGÜ

woordjes sleclits tot verbinding, ze hebben daar slechts een logischen zin. Niet zelden worden ze ook maar weggelaten.

§ ;US. Alsaanw ijzend voorzetsel wordt,ook nog gebezigd. Als zoodanig wordt het namelijk gevoegd o. a voor hitisniuipS.Mi i.)'^\ B.reyts, ami Jen regterkani, voor ^ khm-s. i.h vi\ li. links, lum den linkerkant, voor iviw-rix (lay, in tegenstellingvan naeht, voor iJ/ ilïi \ nacht, atourl; enz. Het is zooals gezegd dan een aanwijzend voorzetselenwel,bijdez.ooeven genoemde woorden,van plaats ot'tijd. Zoobetcekent tSt s. b. regis, regter; tSt tfi.n

},j\ s. iLr t.ïi n' li. links, linker, (.n i:n ?■ i-)^ overdag, ivgt;n ajitchn\ s nac/tts, savonds. lt; t

In dezer voege gebezigd, nadert nPn dus, wat de functie betreit, zeer tot aP, (| 342) en dit gaat zoo ver, dat men i. pi. v. ih i.o i y.i y i:utnp regis, aan den reglerkant van iemand of iets, zoomede voor i?» y \ liuka,

aan den linkerkant van iemand of iets, ook wel zegt 02«^ en.iS

gt; igt; V ^) . r». o 3- ^ ^ /■ .

rj 1,11 hl i^rif KTJW i»V. 1^1 h m .1.1 quot; *''1 ' t.HVTJIjfJ # V ? l-l iWT^Ö-^l ^ N

tijdens In t gevecht bevond ik mij cicdl denregteï'Jcaut van den heer N. Irouwens

van zoon verwisseling van .1?, met acl heeft men meer voorbeelden. Zoo

leest men bv. !S|). d. J. 1)1. 69, 11 r. iija^iPnKiKcnisr^s wat betreft

hem , die verraderlijk zich gedraagt jegens zijn naaste. Hierin staat dus

1/1 hi voor .tPi .},i 343).

§ 349. Boven 344) zagen wij reeds, dat i.y ook ons met kan betee-kenen. Hehalve in den daar bedoelden zin, wordt er zoo ook een bepaling van middel meê uitgedrukt. 15v. Gesch. van Soepena bl. 2, 1. r. 1 ^ gt;■ 1 ? j.j j! gt; gt; .* f ?; 1 \ /Pi 1 j 1 j li ; j j; 11 gt; h i i n j \ nadut het geicasschten iccis, werd het bekleed met wit katoen. Een ander woord, waarmee insgelijks met wordt beteekend, is xnaqcts dat gevormd is van het grondwoordui\ twee en dus volgens § 109 letterlijk ge tweed beteekent. Bv. ^p. d. .1. bl. S3, 9 r. v. o. j _ -j i ii' 11 gt; i1 hn i / '~-i 'i' gt;■ a j\ er wa.s een steen in ar ter niet zijn jong. Ook gebruikt men, met den zin van ons voorzetsel met, de werkwoorden J_ I tj h II \ S. .0 .1711 \ li. iets gebruiken, bezigen; gebruik maken ülzich bedienen van iemand oi iets, iets aauMieu, dragen enz. l$v.

iSlutui/ gt;'n 'm] (*i m ; j Y 1,7/ ,■ i 'j i i 111' een van de kippen moet gebraden en de twee anderen met boter geroosterd worden. Veelvuldig wordt het ontkennend redewoordje i ni of mni-u gevoegd voor ?''/hquot; ol ihmi\ om dan te zamen Ie beteekenen niet met, d. i. zonder. Zoo bv. mQt*i ijxntn)wn j.ij\ zonder betaling.

§ 35ü. Nog een ander woordje heelt men voor inet. Te weten rmi of met ),-) er aangehecht, i:n nmDe eigen zin of beteekenis van dat woordje is deze, dat iets er meê uitgedrukt wordt, als te geschieden tegelijk met iets anders of wel gepaard met iets anders. Zeer gevoegelijk kunnen wij zulks, willen wij met niet bezigen , uitdrukken door den vorm van ons

-ocr page 173-

VOORZETSELS EN' VOEGWooltDENquot;.

§ 351.

1G1

tegenwoordig deelwoord, al of niet met voorvoeging van al. Ook kan het door liet voegwoord terwijl. Zoo hv. Sp. d. J. hl. 122, 9 r.

*quot;? |'■'/^ hquot;|x daarop bekende Nji Doeuoek

met schreijen of al scJtreijende of wel terwijl ze schreide. Dergelijke plaatsen vindt men bl, 103, 7 r. v. o., 109, 10 r., 11S, 3 r. en 113, 8 r. Ook een meer of minder uitdrukkelijke bijvoeging bij het voorgaande wordt wel door am-n te kennen gegeven. Wij bezigen in zoo'n geval het verbindend voegwoord en of wel en daarbij, tevens of en tevens, nis ook enz. Hv. Sp. d. .1. bl. 121, 1. r. Kr-gt;],i?ize was arbeidzaam en handiij; id. 123,

10 r. v. o. .iSri? iT.7? n'r] i:nt .ui/ i//aar gelaat rimpelde zich en werd

rood of en werd daarbij (tevens) rood; id. 122, 6 r. ^ i.j i.n j i.„ rj tnasnq i-.n-'li i,j\ nji Doenoek verschrikte en werd bleek.

Met en, zonder dat daar nu Juist een bijvoeging bij het voorgaande door wordt te kennen gegeven, is mn-yl ook to vertalen in een zeggen zooals

Kt- /Kf. 00 ^ oioquot;) 1 / 7j

l)\ . till. ':n gt;t ) i gt; li ; ) ) t_n i n ' J l J.U 11n i. n in! i nr- \ i li ' 1:1 lt; r n j en jtj, slechts

dit gezegd wordende om te doen, bent onwillig. Desgelijks in dezen vra-genden uitroep: zm 'rl^i w gt; 5^ irn i en wie heeft nu mijn

tabak weggenomen.

§ 351. Behalve op do genoemde wijze kan met ook nog uitgedrukt worden door de woordjes Si en iluSi- beide met i..i ii\ b. Deze zelfde

s s

woordjes kunnen ook vergeleken met beteekenen en in een vraag met een comparatief of superlatief: of.

§ 352. Het zoo even genoemde St nok wel njitSt\ met iuiiCgt;\ Ha sa,

s s

wordt voorts gebruikt als verbindend voegwoord, i. d.z. van ons en, en ook, zoomede. Wijders wordt als zoodanig gebezigd bousd of iT^n\ dit drukt iets meer uitdrukkelijk een bijvoeging bij het voorgaande uit. Te vertalen is het door: en daarbij, zoomede, en tevens, en ook, en. Ook met kan het wel eens beteekenen. Voorts worden /i mi en ook welbij elkaar gevoegd. Al verder is to noemen éy\ hetgeen daarbij, en daarbij, terwijl, en dat terwijl beteekent, doch ook wol eens, zooals «n.tsm dat een zamentrekking zal zijn van en r— lt; u\ don zin hoeft van liet tegenstellende en toch of toch. Voor ons vervolgens, daarop, voorts, alsnu heeft men met

B. ■ui eiyitnf t.i 11^\ n\ t l i i y ^ ook AVel j inr-.\\ Toen,

ahtoen, wordt insgelijks betookend met of

het eerste, namelijk toen, ook tloor ' jj-im of \ met rjgt; b. Laatstgenoemde woordjes kunnen verder ons nu beteekenen, zooals wij dat bezigen waar wo bv. zeggen: quot;dio leeraar nu was zeer bekwaamquot;; en bij een tegenstelling maar.

Hot problematisch voegwoord of drukken de Soondanezon uit mot ó^mnvii waarvan lt;ij l» i?i b. enSb. l. Een tegenstellend

-ocr page 174-

VOORZETSELS EN VOEG WOORDEN.

IG2

353.

voegwoord is nsii vn m \ maar, doch, evenwel, echter, nog tans. Ons ofschoon, niettegenstaande, al is het oolc wordt uitgedrukt met tmixan/j of iK/).mmi/j\ waarvan (hixj)!K) j\ b. ook wrel door ^ n wel eens afgekort tot ni\ zoomede door \oorts nog door welk

laatste zoomede iun.tii\ dat wel een zamentrekkinir met verkoitinar is van

O »

ook den zin kan hebben van daar toch, immers, en toch, en dat tenoijl toch.

5 353. Terwijl wij de overige voorzetsels en voegwoorden of wel woorden en uitdrukkingen, die als zoodanig optreden, met stilzwijgen voorbijgaan, maken wij ten slotte nog melding van indien, a/s. In het woordenboek gat ik namelijk op, dat nirt rf wel afgekort: inj\ ook dat zoomede dat niet kan beteekenen. Zie hier een paar voorbeelden: (K? iiM-i j gt;n n/ gt;^ ji77i m mï\ durf je te zwwcu, dat dit wezenlijk jouw goed is? Uiw t-J 11 ~1 gt; m\ v j hi j irn? i'n / I.I: ? '-7 )ri) Kj lltn ?ƒ im ?\ ik durf te zweren dat niet onwaar is (of dat hel geen lengen is), dat mijn vronw ziek is y n 17 ^ m j ^ n ? ij j lyij \ /1 }7i t.jT ] ^ i gt; gt;.quot;) \ dat niet ik reeds at, dat durf ik te bezweren, waarvoor wij zeggen: dat ik nog niet at, dat durf ik te bezweren, ri wordt ook verbonden met het vetatievc redewoord ,z)iu^\ (§ 231) tot :r:i n igt; ki j\\ Het stemt dan in beteekenis

overeen met tn tListm/wjof gt;.) n gt;gt; m/1,1 .--v jw m- laat staan. Bv. Gesch. vati

' 6—

Abd. en Abd. 1)1. 77, 1. r. hj tl; \ (to n.12 fiw ei ,v) u) (kji ii 11 tri \ an t

tquot; 0

ijgt; n'jrnin i,u\ ik, laat slaan zooveel geld te hehhen ontvangen, ook gezien heb ik het niet. insgelijks wordt het te zamen gevoegd met gt;,-gt;i n (§ 31t I) tot i'i i n :j hij ook wel hi 171 'ï_-i; 'ui ij kj j waarmee dan beteekend wordt: wat is 't... dat niet... of waarom . .. toch niet. Hv. Kitab Dongeng n. a. bl. 14, 9 r. m 1.7)i-iy j n 17^ hl*igt; 7.7)ici h-njj\ wat is het toch, dat ie niet naar hem toe gaat? of waarom gaat ge toch niet naar hem toe? Eigenaardig is het gebruik van «ii/n gt;u.rj*17 in een uitdrukking zooals deze: 1':] Ji i ril ei j 1:1^ ly

amp; Cl C^) (P) (~) TT' * lquot;l

n 11^ h n tsr^ im £-.ajiiu? ïnjj \ on tun w mij cm ? in -ju mn -ktj r—. w 1 Liervail IS namelljK de zin : door niet meer dan dat hen je bang, wat is 'l, dat je er niet op slaat uit alle magt maar, d. i. door niet meer dan dat hen je bang, komaan , ransel ei- nit alle magt op.

-ocr page 175-

VERBEÏEEINGBN EN BIJVOEGSELS.

Moeten vervallen (1(! woorden: Yoldoende en:. 1. pl. v. schrijven; 1. schrijven:

Lil 1. ])1. V, 7 ? quot; J '1f 1. 'I t i gt;. n j gt;,y / i r'n

1. pl. v. Ga-gedè I. Ga-^ëdc id. Tju-gèdè 1. ïja-gëdo id. paayradieJc \.panyradjek id. de 1. den Moet vervallen: met en pl. v. benoemt 1. noemt 1. pl. v. Hierbij bespreken wij ook de I. J)e ld. cansatief' 1. causatief

id. hun vorming heeft plaats I. worden gevormd id. voorvoeging 1. voeging ais slot \iin ^ ;)0: L il de hierboven liij c gegeven voorbeelden, zien wij, dat een zoogenaamd eenvo udig werkwoo rd ook een zeker zijn kan beteekenen. .Meer bepaald een toestand wordt er ook wel meê uitgedrukt. Zoo beteekent het van dat ongebr.

is, gevormde Hytjeu; het van „ j deurtje bv. in een

omrastering, gevormde , yesloteu zijn, zooals van een deur;

en kan het van ,,t ih\ //rt////e-«c/c, gevormde eenvoudig werkwoord , , ,,i /quot;i,

' ^ 'V

niet slechts heteekenen iemand of iets ophniKjeu, maar ook hangen, hamjende zijn. In een volgend lioofdstuk zullen wij kennis maken met een klasse van werkwoorden, waarvan zoo' veelvuldig de beteekenis is een zeker zijn ofwel toestand, dat men ze ook Toestan dswoo rd en zou kunnen noemen. Kn eenmaal zoogenaamde Toestan dsw oo rde n onderscheidende, zou men het hier boven genoemde v,,,

ctmutj n;v ,,i£yu,y en zooveel meer daartoe ook wel kunnen brengen. v* o. Moeten vervallen het teeken § en het nummer 66 oS 5 v. b. Voeg in achter eenvoudig werkwoord: of, wil men.

Toestandswoord 38 17 v. b. Voeg in achter Immers:, zelfs id. lil v. I), Moeten vervallen de woorden: of doen

Bladz. Regel

■1

13

v.

0.

7

8

V.

1).

9

n

V.

b.

id.

13

V.

1).

id.

4

V.

0.

10

12

V.

1).

U

16

V.

b.

16

17

V.

b.

id.

8

V.

O.

Li)

i

V.

b.

■)■gt;

12

V.

0.

-ocr page 176-

liladz. Regel 3S lil v. 1). Voeg in achter voorbeeld ; van een zeker zijn

id. ill v. o. Vocir iicliter : En van een toestand: \\\ het 17-nijöi vermeld ' '7

in liet slot van niecrgenocinde §. (^Zie hierboven voor 1)1. 23.) lö v. I). I. pl. v. 52 1. ö r.

t / 1 2 V. I). id. t.nx iii tut ieti ut Hin l. }■ it 1 n 1 i igt; 1111 't ut^

id. Ifi v. o. moeten vervallen de woorden: of liever, als warén het

actieven worden gebruikt.

4S 1 v. o. Voeg achter: liet beteekent dan zekere accidenteele

gesteldheid als zelfstandig naamwoord.

öO IS v. o. Moet vervallen achter Zoo: bv.

ö 1 -J-en5v. 1). I. [)l. v. Galoenyoeny I. Gahmgroe)!'!

id. 1 v. o. id. deze 1. deze 52 s v. b. id. van dat 1. van een 56 17 v. o. id. c 1. o

58 S v. o. Voeg in achter letter: of wel lettergreep

62 i v. o. i. pl. v. 'j' ! j i 1. '/ •' 1 (■'

63 !!• v. b. Voeg in achter letter: of wel lettergreep

61

7

V.

O. 1

. pl. V

. derde 1. derde

id.

6

V.

0.

ia.

niet 1. niet

61)

17

V.

O.

id.

0 i iUfhil 1. i

O

u gt; n n

70

20

V.

O.

id.

aan 1. op

71

*2Ü

V.

O.

id.

hier in 1.

hierin

75

4

V.

1).

id.

'ihlIf.Hlfl l.

■)

i. ntinj

12

V.

O.

id.

O-

i i n wn

1.

So

4

V.

0.

id.

31 1. 32,

i. pl. v. 32 1. 33 en i. pl. v. 33 1. 3i

85 20en 19v.o. Voeg in achter letter: of lettergreep

86 12 v. b. I. pl. v. iii:»/ïii.%\ I. inji.mx

102 l v. b. id. bedoelden I. bedoelde

103 8 V. O. id. ' nj ti . 111 i i.:j I. r-tj ; i - ! 111 1,1^ KJ

104 li) v. I), id. (jualitatieven of modalen I. qual i t a t ii? ve

of modale

112 11 V. 1). id. 1. ihiiuj.ru

121 J 258. De heer Gonggrijp maakt mij attent op de bijzonderheid, dat de plaats van i y Ta evenzoo als van het Maleische ■padoeka, altijd voor is, terwijl de andere bezittelijke voornaamwoorden, gelijk andere bepalingen, alle achter het woord waarbij ze behooren, worden gevoegd. Voorts dat dit bez. voornaamwoord slechts gebruikt wordt bij benamingen van personen (familiebetrekkingen) en niet bij zaken.

-ocr page 177-

lUadz. Jiegel

122 on 123 10 v. o. en 3 v. b. Voeg in achter st;.cl; (Mfk/.at)

125 S \'. o. I. pi. \', \ u * i I. i /j 11

' 0 - \ . O. i(l. lil Lilt I I J ) 1. II lll.'l J. I

^ ^ • o. 1(1. Ill 11 J in 111 i 1. i :ti i, li li I rnt ?

r O lt;

'0 ï v- Ik had moeten zeggen: is mij onbekend, want dezer dagen het Mal.-Nederl. Woordenboek van v. d. Wall-v. d. Imik raadplegende, vind ik toevallig ook, dat hot Mal. di'lnpan. doelapau of dueicalapan een zaHieiitrekking is (i oe w a alapan, waarin alapan van alap nemen. zoodat (télapan en ook het Soendasche d alapan beteekenen twee genomen, namelijk van tien. Hiermee is meteen het Soendasche s alap an verklaard, dit zal namelijk kunnen beteekenen een yenomeit, namelijk van tien. \oorts merkt de heer Gonggrijp mij op, dat lima hand be teekent, terwijl gènèp (zes), dat in liet.lavaanseh ook voor even van een getal wordt gebruikt, den zin kan hebben van een even getal, namelijk na de oneven 1 i m a. vijf.

^1- 1G V. O I, 1)1. V. li i i i 1. f( / /|

C.quot;gt; (.quot;I

136 14 v. o. id. ,i?ii i.y 1. ,:7/n^

138 14 v. b. id. Seond asclio 1. Sociidaschc

143 6 v. o. voeg in do letter n achter de ï,

1 V. I). [, pi. v. on hn I. 1,1 hn

151 14 \ . 1). i(L 7^ ^ ?J) I. t.j 'f' T/' '

152 § 32S. Prof. Gronggrijp wijst er mij op, dat men dikwijls

kan vertalen met ons evenwel ol echter. Inderdaad zou een dergelijke vertaling, in sommige gevallen, o. a. voor liet derde der gegeven voorbeelden, zeer gangbaar zijn.

1^4 (gt; v. o. id. ii.'i u j 1. nsj n'j

1^7 7 v. o. Voeg in achter un : tot huon

1^1 1 / V. Ij f. pi. V. rim 1. ,K71

^ v- ('- id. ILJ n If r.tn m 1. iv/ii u / .■/ m n»

-ocr page 178-
-ocr page 179-
-ocr page 180-
-ocr page 181-

SOENDASCHE

grammatica.

01* LAST VAN HET

ITOITEJiXEMEXT VAX NEI). LVDIE,

ZAM GESTELD

DOOK

H. J. OOSTING.

ITEK VERTALING,'

AMSTERDAM,

•IOJI A NN ES MULLE li. 1SS4.

-ocr page 182-

GEDKUKT ItlJ JOH. KNSCIIKIIK EiN ZONEN TE HAARLEM.

-ocr page 183-
-ocr page 184-

v K i; HET I' RENGE.N

BI.

[. pL

V.

Lt'CS

8,

O

r. v.

0.

■gt;

/. //

/Li

K » h'tl 7L.jg

11

, G

r. v.

, b. voeg in achter

i /M.u :

O ui

31.

2

r. v.

o. i.

pl. V.

O quot;) 11 1II

Ct -) ■) lO ICI LU

45. 47. 53.

, (J 7

1 r. \ r. v. r. v.

O. 0. 1).

id. id. id.

i t l-\ u i.n 'i /.»; i an ^

aji'-1u .

.* i h i /. n

m l-z lij n Ti

s // /

^'V'I quot;» .

1 hl /. li

55 .

3

r. v.

1).

id.

t :i h i r,, r

'' kt r * V

-ocr page 185-

II VEI! TALING.

A

-ocr page 186-
-ocr page 187-

GESPREK MET EEN INLANDSCHEN SCHRIJVER.

jj \ (tSj (U) IHIJI (3 ^A.(hC^\ II rrj tU) (HQ UJ (HTJj (amp;1 crj (Hl

a

IHTI IW) (amp;} n \\

^J!

a a Qv o

(Ui (£J1 m (tn, (Hl (Ht ) (H^l ^ (Hl ^

II \ OJi (Hn (lAJi (Eiïjj \ ff (M camp;i ni (Vji ihp wnjKi ^

Q C^- ' S

idJi mi (iamp; (uu) \ (T) (ut (hu (ui (Lm dJi ani oej) m ihi ft \\

Kniti ( lt;Hi^ (JJ!

_ a

II \ (isy lU) (H1JI (3 -Ük(H^\ II (hJt l*J^(Ut (IK (W) (IJJ m (Eli (Hl

X -

(ISYI (Y! (U) UJ -y (hft IH1 ^ (H^ fol (1511 (Hïl -JT! (Vil (UI (UI

a a

am ^ (ik (Hn (amp;i w

a «. t/ a

II \(fji (Hn (W) (Enji \ 11 (fj (uijj (Hiji (^ lt;ryi (Hn (amp;) ^ nui

a a •- o c-v

oji (Hi n \ (ui (ui oji an (amp;) a^n di (ui G ^(wt mi (ui (Hi (un (Hi u! h d ' (kk(HI^

am (£J1 _1 ^Yl (HIJj \ ^ (UI (HTj ^ (uy1 (Ul (El !tLl (H) jj (H^

a

nui dJtJi

a a O

II \/li^ (Ul (HIJI G (H^\ II Ul (HI (Hn (U1 UXJI IVII (lt;_. \N

Q

II \(3sji (Hn (uvi (E/tjj \ 11 (fni am w

a o a Qi,

II \ (3^1 quot;-M x n (Hj^ (Hi m am (Hijj \ ok ui (Eii^ ni (Hjj

a O O ^ O «-

(Fji (ui /ui (ui (un dJi am (eji ~ji m (hi ft\ (eji (Hi (hi ihi ~ji mi

(Hl^ ij( CSl^ S

a a a* O O ^ ^

OK (Ul frj ?ƒ (Ui lH^JI 'HJlj 17^ 'CHX^1 7Y' 'cM

A*

-ocr page 188-

GESPRKK MET KEN IN LAN DSC HEN SCHKl.lVEK.

O o o«y o«/ O O

W ryi ? (UK vj} camp;i m vj (un (12:1 oj) m uin 2 w

m 0 (

%

Tr

^ /^CT^

(j ^iU) \ u) crn (amp;) lt;3 -^kajut ihi crri camp;i ~ji nn rrj tui ^ azi w fHti

00 ^

(hn (l-Jl (EU t ui m lt;15/7 (Hl f) (3 ~dl. (tCtl (IK (U) \\

(vi (tfi^ iJl

. O

jj \ foy (U) (Kijj (3 (Hj \ jj (3 (Hjj \ (kv asj vj am rut ^ ^ Q

iuï ~jn y rui 6 ^ (Hn m (ïj (hi Hn camp;i oy ,xji oy wn

vj m (ui crn vj IUI hjv) (tajj w

h

Q ^

ƒƒ \ Uï I^J) dj} (IK UXJl \ D (H) (H~I ^ f ] (UI) (Hl H (im (VU) (3

Q Q Qt «• Q«, O O

(Hn ^as: u) ^i \ t/) om asii (Ui nu) (uvi (Hl ~jn aut

•n

s

cm (amp;i ~j) nn (hijj w

(Tj (

ii (ui (ut dJt (ui o ajn (hi (amp;i ~ut m (hi ft \

quot; cr ^ cj P

o cr-

(Ht (Eft (Ut 1amp; (Kf) (EJt Tgt; (Hl ft (Uil (Hl (Hl ^1 (Ut lE/t (tUt (Ht ft (Ut

/ chh IIlt;KK ^ c_y/ ^

O

^ am (Hn cm cei ~Jt m (hijj \ oy m ^(Hi asn cm ruj^njt (ut (eji

.0

o

(t uijHiji ut (ut asn cm (uj ^ asn (ut (3 (Htjj w

II \ ut (^Jt^ut 05? nvt \ 11 ïj ij d/j (hajj (isrt nrti ^ ^ w

a a

II \ Itsy lUt (HtJJ (3 ^k(H^\ II (KJ (EJt asn WTJEjI (Hl (HJjJ (HU (ISlj

(Hn (amp;i rj (Hl tJt (izn (vn^ij (Ht^rj (Hi ^ nrtt 2 cm njt om (rj (ut

■- o «

dAJt (Hl 2 (vn \ asn (isrt (£Jt 2 ut nut QJtaKiaamp;iwaftnjt om

6J s h CO lt;*K

a

nrt (Ut (uvt (Ht (EJt

( (Hl^

a z'

/1 \ut /(K/t (Ut (uut \ 11 a^t (ut (hJt (

U [asn

a a a a

II \as^ (U) (HIJI lt;3 ~tfk(H^\ 11

a s' ^ 0/

(Ki ~ji (isn ajn oy (ut \ azt oy (hi ^rr7 ut asn (3 -s», lt;ni \ (hi

o

(vrt amp;t 01 (Hl ^ (uit (iTtt 2 om (ut nrrt (rj (ut (uut (Hl /ƒ w

(3 -^ts (Hn -iwn rzj) (rj (Hi ^ mn qji

Mjr

o asrt mi 1

II \ OSy (Ut (Hyj (3 (HJ \ ff (EJt oy (Hl ^ w 2 (HIJI*

crn (ui (f i (iamp; (hu

(Hl^


a

ajt ijvt \

\ (EJt n vt p cm

1/

-ocr page 189-

(IKSPRKK MEI' EEN INEAXDSCIIEN SOU K | .1V EK.

- Q O

i-jj rH^Jj 1 x (Ktl rj tui ^ nxjt ns ri

(HY) jj \\

a o «-

^ \ (Lgt;rj^ (U) (HTJI (3 \ jj (£/! rj (Hl ^ 0571 fLJl IHl Cttl fM ƒ (Htl

(Ui nrti rri 'Ui uvi

rrj iUI OAJl (UJ^ ilj) (UIJj '

a ^ q

iiN ^ (!asx^~^ ruui N // :HJj ~lj '^J 'ugt;fj ^ ^ ^

O O

(HJ/J a/i thj) (ïji ^

jj ^ UI (HTjj 6 Hij \ h (fjl fTj (Hl P (17)1 2 Kil Vj (Kil (Yj (Hl ^

(Vil (Hl (Vil (UI \\

^ CJl

a a a

D s W OJi (Ui (iamp;: iui \ h i l (t l utt (Hi f i (t ui (Hi ft nrti nji as:

H \asn II l h [j asi^cx) quot;K lt;Ul

oa^oa^ o •

'i-Jl £1 -n crtl OJl 'tui (IJl (Hl/) \ (UI (Hl (Hl XJUl (3 (KI 6 ~Ji..

l erf (J Ca /

X/VI (Yj (Kil Oj (Hl OW

0 -

jj N ,'ii^ UI (hij! (3 ~amp;(h^\ jj (i:n IUI (amp;1 (Tj (hl ^ (liïl (IJl (hl IUI (Kn

a rgt;

jj \ ij] ^j^ui ae: rrui \ jj asn (ui ihi t i ^ uj^ (ui rj nsn ^ ie:

o a quot; a a

(IJ! nj (Uil rui (Htl f l ^ (tui (JJ1 (H1JI w

jj\(t5^lUl (Hjjj (3 ~d) (Kj \ jj (Krjj F l (Uil VJI (tm CI T^ (Hj CEJl (l il

OO a

(Kil n (Hl P (Uil IHI UI Kil I-C) (ini (UI \\

i ) (tsi^

Cl O O Q

i)\(U1 IVJ1 UI deï in \ II amp;J1 iamp;l (U)l (Hl (Fil (1 IJ) (Hl /I (Hl (ÏJl U) (IK

quot; ''lil ^Ca U! h

O O., C~- O O _

•ui n m (uii na caj ern ihi 1 vji -ji, (hl nji \ G ^ lui m gt; d (3 -ji. ^ (J On ^

«- cr^

(Hl (Kil (Hl (UI (3 (H^ (U! (H)l 3 dXJl 2 (UtJ \ 6 -dkdAJI (Hl (HJ/j O

lt;2_ asn (hi (ui eni hi 2 'm -Jj go (ui rj (in ^ \\

s- O

jj N UI (Hl fj (3 -Jk (H^ \ jj (Vil dj (UI \ (3 ^k(VV) (Hl amp;J1 (Tj (Hl ^

a

IVI) (HU 011 dl (VII dl m (UI Kil dl I J) (UVl IH I II (Hl n J (Hl m 01)1

cj ' ' ' Jl l l o*.

_ a*, ^

§ (UI camp;l \\

-ocr page 190-

() O KS I'll EK MKT BES INLASD80BKS -ell RIJVER.

Cl t,

jj \ iJ} as vut \ jj j^cei cm (Hn ^7 (t ut (K^tHtjjw

o a

jj \ (Ut (HTJj (3 jj ÜJt IHtl JJVl CEAJj \ OJÏ 2 (Kil 2 (ISnaiYt

_ Q Cl CT^ O

6 as (Ut \ 6 ^(Kj^ae: n ut ^ xnt tut c^jj tut

ihn rt (amp;t as w a

II \ ut (hu XAJt cïjiji \ a cfji ent w

O O

II \ ay L7t ihiji (3 (Hj \ li un ^ \ fi:ri oaa asj ~yj /y rtj (hn

a

y f ? (ho tJt (imt m (int (EjI rrj (Hi ^ ajt f (Ut (H^ (Ktjisrt

o

(amp;1JI UIA V\

Q Q Q C^-

II \ut (UtjUt as vut \ li as m (£i «quot;n ctrt ^ asit mrt uj (un

q s

(vn uut \ (htj (£ji ajrt ajt m ? uit (Kt f/gt; (ha £~ \ ooi ajt

(Hrt cEit om ajt (tJt ? ajit (Kt F t ~gt;7 (Kt £-.\ (tot ajt 11 ) ern co ^

nut (Kjj (KtJi w

O O a

II \ ^ (3 -^.(h(^\ li (urt (Kuistt (?! (tjt (hm asyj^ \ oji (ky^ (t t

** •- O O O O

njti (hm ajrt uut camp;t ^(Kt ^ ceji 0^ (Ktt ckj (hm ce/i mt tutt (hm (Ktjj w

O Cl Cl O-

tt \m Im (ut as uit \ n ut ts^ut (Kt as m czyt ni ct/t ? asit If [asij H cthji (tót )

as nrrt (ut p om ajrt (uli \(v:i (hncamp;i ajrt ajt m ? aiti (Kt camp;t -^it m (Kt / ) ) om co

(S-^ \ (Hn (tut (Kjj (Kyi \\

. O

II \ai)^ajrt (Kijj ö (hc^\ ^ (Ktt as (Ktji 6 (uvt (Kt cfji (Hn

O ci / a a o

/vut artt lt;amp; n ceji (yj (Kt ^ oji utt uut chtJi (hm cnit (ut m mt om

O Q ^ O

ttp as azj nj asr^ out utji (Hn (ha asn tï \ (3 ^jkiK^cK^ nut

n a

ut ni un ut (Jji (ut (Hi /) \ (Hij czjt asn nut camp;t aa nstt \\

Ot. dl 1 /llt;KK /1

a *

H \ut [uuut as tuut \ II au nrrt (Hn nut ,h^ (Kt^w

II \ astjj iui (Kijtj (§ (K^\ 11 (3 (Hn m (Fj) (rj (Kt ^ ut quot;gt;) xyt

c^- ^ Cl Q

as 6 ^ (Hn m (Kt (Hn (Kt asrt ojj^ nn \n ajt ajt 1 (*! (Ut (Kt ^Uj

o o a ci

a

(hlt;t (*1 tKt ^ (f t (t t asn (ut ern y ut \\

-ocr page 191-

GKSl'REK MET KEN IN I. AN DSC 11 EN SCHUIJVKTt. I

Q O Q O 3 Qt, CI

n \ amp;ji i(tJt (Ut as: ojvi \ i) (tJi fJX quot;gt; 'ltJ], w (c:i -~n ils) 00

U yrsn II jj

xsti

a

(UVt (KYI C£A (1X1 S— (£fl

(EJt nut (Hi camp;t m iHi (S-.\ (Hn ar) nrvt (Ki: no i \\

Calt;n^om co (J lt;UI ^

l^asy (Ut mji lt;3 ft ru, czjj ^ ao ^ ^ ^ aww*

^ \ (Hl^ (IJt 2 rrj (U) KW Ujj VOl y (H) Sgt;

a a a (Hjfj cv:i ceji (EJi asn oaji (Hijj \\

a

jj \ (hJt i^juui net (vm \ a czJt nrri \ mi nJi nxi ^ ^ (Hri ^ ^ rui ^ (un m (un (amp; adi tizi (tii (Chi ^ ^ n (hii arp^

(TUI (HI tajj w

a a a

h \ any lUi ihtji 6 ay \ jj mi n^i (vji (Hi nrj o ut w aji (wi (Kii

ay axi ^ a.Ji asn lt;hi (lj (Hj avi arm oji (Hij! axi -~n am (hj^ a-j (utj

«- ^'b Q

aui^dji \ (Kyi ajii ojvi (kyi (amp;i (FJi 0^ (Hi ^ ^ri ami (Hj/j aai aitjj

axi tz^w

II \(hJi [QJUiJi ae: ojvi \ ƒƒ ceji cru w ceji alt;i (Ui am oji ~ji m (Hi 2 'ÏJ1 (EJI lYlfl (HI ft (amp; jSj (££ art (UI (HII (HI \\

^Co ^/ Ml ' OlCJl

. o

II \ asyy (U) (H1JI (3 ~amp;.(Hjj\ ff OJI cr^JINN

/AMKNSI'RAAK VAN TWEK SOKNDANKZKN..

a cr-

II \ oji n az? \ 11 (Hii (Mti \ (H^camp;i asn (Hrnvy avi aoi oji ojui \

o o

am h- l^OJI (T) 0X1 a£\ (3 (HI jj \ (hJI «77 X1 a^Jj. nXj*

oji (Hn ai/i /i!ji oji avi CKn cïjI •xi \ atn n^j xji [nJi^tHii x 1

o ' ^

(gt;1 uj rnn (Ui csri avj (Kn (Hn (Kn \ ay xi ^ (Hi (3 aui

000 c^-

(H^ 6 ^(rj iix oj (ix ay asn ^ ay (ui «77 (Hn iui iht^hiji n G

** CI ^ O CI

(Hi (hii a 11 un xjui (ui oji (amp;i am atn (Hi ~ji oji ay (hii ojui (hj^ (Hi \ (cJi (EJi ^ji\ (Hii ay xi (Fi 2 \ (Hj^ (3Ji (iJi xj^aji (Hi\ (ult; oji

c» 1/ C)

N (1577 2 asn 2 (Ut 2 \ (IJ) ^ (hïïl 6 ^ (hO ^ HIA VOI (HI \\

-ocr page 192-

ZAMKNSl'K VAK VAN I WKE SOENDANEZEN.

^ a « a

IHTJI (3 ^Jknsn (Ui ry-j m irj (m? lyj m cuj ui asy

' a o o o

fHtl \ .7 L I i^yiHl (HT^ (Lm C£jJ It Ut \ (£/} (Hl (Uj lUt OSY^ \ (VJ (UI

jj \ (fji 'i£lt; 3 (HTyy \ ƒƒ nsn jji if^t iun asn 2 aj) nvt tvii

«- Q ^

Y fli'J ^ N Qv^ W7 *gt;7 (»L// /01 ^ lE/) rjo /liy

^o^cr^ac-^ Ot, o

(Lm ■Wl lt;tJl (U) (£J1 It U) IKgt;7 IK) ^ (EjI ~Jl itj HSÏi ^ \ rrjcamp;l (Hl (Ut ihJl

quot; s- Cl

(3 tisn (Ut y m orj (hen lyj m n-j ut asr] (un iHrt

q o o o

Q lt;- a

CEji (IJl ItTJI (im 71 (zji (Hl (ui 'isJI (FJ1 (LSI (Hl IHll (HU \ /S-~ (1511 (fji ?

■*gt; lt; Cq ™l )

, «-o

(htl (£,1 (L/ll (hm (hll (3 -ïamp;ihi (Hll (l il ^ \ Camp;l 2 IHI 2 (UUi-J) Lil

/I Ij (hx^ as^ I/

□ ct «- «-

(isu (ha ui (tui xm \ ui am njn ^ n ut (vu njt (m (hti (hii ai asn ? asi^wi s ss I )

s- X O

ajt (ui am 2 mn (3 ^rt (hi (hii a \ ut asn cru oji cut ai (Ui \ (htj aji

lt;Jf nmrf / l (

o n cv o c a

(Ut njt (Hit (Hl ~~'t (Ui 11 anrt (ut iHi am 11 ri^Jj 'V l7gt;

o O a

(wt Hijj (tut (Hit (vut (Htji \ (uj am am ajt (Hi (tut am

o

om j ajii 2 arj (vut (Hi^alt;n am ihii aut^ 2 crrt crit rj ut \ (3

C__^ Ci •' (__^

ajut (Hi ut a ut am r; lt;E/i (Hl mri rui \ am asn aai cut ai arti (Hit

s / ^ ê h ^ ïi ' O O n

lun (htt 11 r hj j j j %ji ^ am m ut am am :k^ aajj (3 ^ (hi

^ o

'K(Pj'l ^ 6 ~iamp;(Wt ajt m aztt (ut (3 sjk rui (hn ~Jt ae: njt (hl

o ^

am asy ajt njt aLj nn (3 (hi 'H^Jj ^

a

gt;) \ OjI m 'lr \ ;i 13 m am (Hn \ asn mt ihi asti a_ i (at a ut quot; quot; ^ h^Kti

O o «-

ri asn ? (hi/1 ojj 2 ê? 2 \ cru m ajt arri asn ai»/ ihii (hu im njt

/ ' c/7 cj co /1

s c\ q a o

x:) n~t ihi fistt \\ lt;h/t 'L/t aiti (ii) aut (3 ^ts (hi vi m aoi * t m asn

ti KK l ci ( ' CJ

O o „ cgt; O

inn rq hi ajut (£jt p a^j rut «_/? nut rrj asn (vut \ (3 ~lt;i-.•xivt (hl crrt

o

tut ihii am vjt 2 11 ui quot;^jj x tun (hi (int mt am vpaui ay (ut

O O - Cl O cv

ooi (tJI (UUt \ (3 —t f t ( ~~ l 2 (hll Ut ihtl (tut \ asn (htl tl (hft (Kl^ O CJ (KK

00 ^

a?) rut e^asn rut ajt xn aim mt a rt it 6 ^asn ut cct nut (ut (Ht

£ cJ ^

O* O O' ,

fi t a L(l (Hl \ Ut (Uit (l il /I ^ 05 )1 Uft oji (Kil om 2 cm (3 ~ïamp;(H1

ihi (En (tut (hi \ ut a u gt;

-ocr page 193-

ZA.MENSl'KAAK VAN TWKK SOENHANK/KN.

Q • ^

run asn wj 11'ui abyi 6 'hl mri fisn arti ivt ihi // cm noi na ihi \

^ d CJ

, . 0 Q O /

(hn n) (to j-i ~yi asn aj) cfi p crt) cmi icett p vi iwi ini /;

) ^ co gt; ' 'ui a O - o o

(3 (hl (htj^ osll rrj ihi ^ osyl O ) (ixt (hl (ui (ui (ui ^ \\

, O -

ƒƒ '£gt;fte' 2 ih)ji \ ij d (v- j ^ nj, cn^ ^(tjt (ui (fji (hn (hn

O,. O

lui ort au (vn asn nvt (§ ^amp; ooi osj mi (tut tui ihi ^ n/i (hn 6

^

Q X Oe

(hi (hn (hi ii\ 6 ~yis (hi (hij ci mn rn (hn tri (hl pvji asn asn om (kl^ ij( u cj f (ki^ f )

O «- O C^- »- O Cl

v2vi (ttti (hn (hi ihi \ (ui S/? am vji (hl (un cil] (ui 2 ui ixji asn lui

^cj cj a ij '

o o c. o *- •■■

(hn ihi (ui dj) nv) \ ^ asn w iij) dj) asn (u) am (ki 2 m azi (hi n (l^l s Ij!

C/ •- O

(fj! nut p (ï ! lui (l ïl (hl cui (hl (ui dji ihi // w

) co (sr dl

-O Ot,

ƒƒ \ tui m (ie:\ jj (3 ^ nn ^iu^ (hn m aji (amp;i ^i \ ihii aj m

*j «/ «/ c ci

(ui 2 n (k/i 1) \ asn 2 asn 2 (ui 2 \ (hn (hn (ui p (t ) ihi cui (tui (hn co l ) cj

_ 0 O O Q -

ihi /c^ \ (3 nn a-ri tui asn asn ihii (irn itui \ asn n_ i asn (uut ihi co (j (j h

(3 (tui 71 j~j1 on a::ii m aa (hi \ j ihii arm ui (hi (hi ihi il/i

( 'co' ci ii la l

O Q O O /

cni ^ a^n asm (hj^ \ at? (witui ^ (ui (tui asn rm (kv \ (hti m (hl

a a s a

ihi ojt 2 am as. mi a ui a.i ui 01 asn p \ (tui 2 axn cun asn (hii ^ji

l cjl (j ' gt;

O O Q O _

(tut ~fi \ asn (wi 2 p un asn (hn oji asn (hi (ui ojvi ajn lt;s~ \ (3 ^ fi ^

Cl Cgt; O Q Q

~ti cru (tji (ui ai oen \ (kji itri (hn rnm p tui w (hi nji (tui asn

cj / ( 1 i h co

(htj^ \\

ct t

jj wj (amp;1 as: 2 (hiji\ a it ui i j ihi dj (hi ^ am iji.n oji cm ^

tl (ui ajn rn rui \ (hn as (i n (ut] dji (un (hi ^ji. 2 a hl 2 \ a:n k/i i h (isK

Q , ^ O

(hi [iïhchjj rui (3 -xkno mi 2 (ht^ ryj rm (hi inn fj r (3 (un asn

o o n

rui (ui cru ihi rfji run .1 vijj \ oji ij (hn (ix,i '^jj 6 -^(hi (hn

•- • s o

a vi ini ui p f i am a ui kti \ (3 ,0* rgt;)) 71 (ia iwi (ui ihi asn nn ,1 s ^ fj ' co

~ o

(3 (h^ rrj mi rrj as (hij n ti am rtj nni rj am m (h^ mi asn

-ocr page 194-

ld /AM KNS I'KAAK VAN- TWBK SOEND A NI /.F.N.

Q O

crj fui n tiTti asn (Ut an oji am (Hi (Fji (w: ^ rhf) \\

jj \ fu) ti (ie? \ u ^ asn tamp;i (FJi asn (xn (urt am lt;s^\ afj

Q q Q

■fji asv, run (U) asn rn m run a^tt (un ihi /i ui on am (ten (hii mn \\

CJl d ' CJ '

Q o o crs

(3 ^ nfi G ^fkojut (Hi (hïi \r) au) or) (U) (Hn ihi ceh ^Jini am 2 asn

d ' Lrn6r ^

/ a «- i 1 \ «-itri vjihi (Hi fi\ qji asn r) (U) (nn (Hi t ? 2 (Uj w ui lt;u) am

'^ijf ' (vn^am ^ fj

«/ t/

(Vj 7y ihajj \ nn m (Hi am ojld cfji rrj (Hn am 2 ajt uut m

Vf (ZJIW

O lt;^0 a

jj \rj (amp;i namp;: 2 (Hijj \ jj am rj (ui asn ce/i a^jj 6 asn (amp;i

vj (Hi ^1 asn ^ \ (En rj (un ajn oaj) (Hi am ctn^2 ^ N

(un E? ^ (Hi am y ila xjui 2 \ (hth ihi ^ (Hijj nrj Eft r

o- -

ai n asn w

s

/l\ajt m aamp;\ jjaji cfn 701 ^ ^ 'K17 ^ 1x0 2^

mi t

CO

Q

(HI_____

m

* CI

jj \ as) (ie? \ a (3 ^ (Hi aamp;p (Hn (3 rut \ (Hn (amp;i tui

- lt;0^

alt;i aamp;w aii^

Q _ Q

H wj (EJi (iamp; 2 \ jj (Hi run (Hn aji ^ ^ asn ^

o 00 s

(3 ^Hs (Hi (Kyi crvi mji (Hn azi (Hi ~sn ae:\ oji asn am aj} 2 mi aji (J CO

a «- o «- X _

(Eji ok (un (Hi /1 (Hn arj nn rui axi azi \ mn (3 (Hi aw ? (Hi w

(HK^Jl ^ j) U ^ )

a

II \ tui T7 rn^ \ jj 6 -A rHi a^ rtui nut (Hit ^ aw t? ruj (Ut \ alt;^

on o a

(vut 2 mi ^ w

jj \ rq eji ae: 2 !l^JjN jj arn ^ ^ r/'ttfi ^ ^ ^ f1-m ^

am ok ihi ft (S-^ asn (hi am (tJt 2 cm ajt (£j1 aamp; (Hn rrt (h~i aA/t \ crj l) CO (HX^( asi^

1

Hier voor gamëlau , m. a. w. voor het geheele orkest.

-ocr page 195-

ZAM ENSPK A A K V VN TWKK SOKSDANKKKN I I

Q O O Q

(Hjj dfn ae: xnj ae: 0^ my] rj iki o\ (Hjjj ts-. asn (ut amp;ji (m ihi^ tJ) (ho^i^ it u) rj asn ^ \\

a a «-

ij\rf ceji ok 2 (htji \ H rui (tui ih^ ctj) (hnjj w txj) ntn nm

a

(un (ru^ 2 cm fHH fuut nrj asn ^

q o

(Hn m aj} ui asn n (Hn ceji a ut ast (Ut

II \ aji n^) 'ie? \ ff trui fpMi—Adymt oxa (FjI (3

x «-o

iry (t v) (*ji (un ivn nrj^ tut (H^JI ^ (lJV) quot; ^ n^J\

^ O-

(3 ^ ^ (LTtl \ (Km (UI (L/l (Fjj^ (KYI d^JJ W

Ifwj (Bji (ik 2 (htj! \ n 6 ^A ni ani vrr^ (amp;} ^ tmi (tfn ixj^ hji ik (Hn OLJt (H^ (HTJI (3 (KI (Kn fHYI (H^ 6 Vj 'Ut (Tj (U) 1^05X1 UV) \\ (Hi ami ay? 2 ujj mi (irh ^ (Hi^ \ 6 (Hjjj (? ^ (isn (ui

(tTïl 2 icn 2 (UI 2 (UI (H1JI \\

t/

II \ (Ui 'ryi (iK \ f/ ^ ^ ast ^ ^s' '^JI ^ ^ 2 2

v _ '■

(i/n 2\ nrj cm nxji 2 ^ \ (hii ^ (tut ö ^.(Kjy (ui ^ «7^ (uvt an

, Q / CT^ «-

(hi fi\ (i^m (fj) (ri (tui ((ui 2 (Hi \ asn (un 2 m 2 (Hn (hti (iTti e~. w

dl ' CJ ^

O

II \ (rj (Eji ae: 2 iHiji \ 11 (hjj^ asn (Hl iU^(H^(U^ (Hijj \ lt;e^ asn (Eji ^

(3s^ am (Hi (ui (§ ^(uui (ut m a^ as^ irn nrt (ut (hJt asn

O Q O Q

(Kr) (Hn (Hn (amp;i njt (Hi oji oji (rui (un (Hi ~ji oji (hi ft w

l ^ cj s h ^

Q ---

if? \ 11 (oj^ (Hn ~yi (Ui ut

a _

7 (Hit (UUt VI (Hl ULO \ Kit '3sJl (Hn lt;S^(U1 6 (Hl (Hll (Hl fl (Hn (Hit (UUt VI (Hl ULO \ Kit '3sJl (Hn lt;S^(U1 6 (Hl (Hll (Hl fl (Hn

' quot;i'K S // Ca ^ ll

O Q •'

(Kn cc) (tu) (Hn (ut (uvt \ ob: (Hti m r(Hn tui; rfs/t ten ~n asn tl 6- 0

a

(Ut (LAIt (hjj^ (hj ^

, o cr-

HWj (amp;1 ae: 2 (tajj \ fl (tui (tlt;ijj 6 ^(Hj (amp;t ae: ^ (Hl (vn ts~.

Qt-QO «-aa «-a

(Bi ojt camp;t .^t asn ae? \ (Hn rj m 2 asn (ik\ üji asn

o - a a a a

\ asn 2 asn 2 ast 2 asn ae: \ asn (t u^ a^ (tt^ ast ajut (U^

-ocr page 196-

(Hj (EjI f)j (HI 9

jj \(iji m oer \ jj (Hn ni oxi osti (mj^ fi ^

^ OJt OAJt (FJl 0£? ^

C/

jj\rj(Ei10K2 {HIJ! \ jj (Htl (H7t DJ rj (771 0J71 (HI (HJJj

Q ^ a o

(Hl 0Z1 Tl ■fs/l (Hl 0571 71 (Hll 5 \ Ö ^ T) (j IAJ) iHl CE/1 P (Hl/

d I) CO ' ) l

Q Q O O ^ O

(Hll (Hll (71 0571 ? (VJ1 UI 0571 (71 Tl (H71 0X1 (K71 (Hl (Kil (3 ^JkCEJI 2

' ^ f) cr ' CJ ca co

a o O a

(Hll 7 UI 0X1 \ W 0X1 j quot;-W 2 (UI IHI^ 0571 ^^Jj ^

quot;• O

OJYl rj CU1 (H^ (771 2 Vj nn (amp;1 (tJl 2 tH7 HJI (771 (Hl \\ 057^ ^ \ (}Jl

a o (Zgt; o

(ul^ (Ui (Hii rui (vui \ dJi i j^ nj j ^ rui ui ^^Jj CHri ^ !3£Jj amp;

, o OA/i om irj (Ui 9 ^9- oy oji ax ou^ w

O at O O Q «-

jj \ vijj tui \ jj (Kj fi ui (hnj^ m cm ui (un ajt^j\(ui nji ui m

SO O Q

(H71 0J1 (HI OJ1 \ (Vl (Uil 0571 (HU (Hl ^KOVI (fil (ÏU1 (FX (iJl O IJl Tl

h h ca h ofi^ (Ki^

a x

0J1 FX (Hljj \ (Hll a.'J UI ( OJ^ (Hn UI w (1~) (l-J (Hl OX \ (F l (Hl

O Q •-

(UI lt;3 ~dk(UUI (UI rKl ^ OJTl (Hljj \ 7j OJI (H^ (FJUl5yi^ (UI (tJI 0./1 (i-X (UI

Tl 0X1 2 0571 \\

jj \ (Tj (FjI aamp;r 2 (Hljj \ jj 0571 (Hl UJ^ (Hj^ UJ (Hljj (HTj^ (UI (FX ^6

a «- ^ cr^ O a o o

UIX \ 0571 (IX Tl Tl gt;1 (Hll (Hl 6 IX ? \ (UI 0X1 (Hl F l 7X (H l \

' cf gt; s 6-^

«/

OJ) 2 0X1 05X1 ~X (FX IHIJI W (Yj (IX '^^Jj 6 'Hri ^

lt;/

UI Tl (FjI (7j 0571 ^ \\

12 ZAMKNSl'KAAK VAN TWEK SOKNDANK/.KN.

n,, • n

nrj n/ti ay (Hrj^ luijj \ aji ®i ~ji ae: ~y^ n^j iiJ) ny nji

quot; lt;3^ Q

rvui \ asrt 2 asri 2 mi 2 ne: ihii ^ ^ 2 oji n-j mrj^ mi rvut \\

a

jj \ tt_,i m ié? \ jj uj oji (i n .to? tï \ asm ui tn ay asn

o

a«- (vn asn (K^ nxj) $gt; 6 ^ injVJ} oji fisi^ NN

a q Q

jj \ 7j tji aet 2 Hijj \ jj n:n fist) (hyj^ ij) ihajj (3 ^.a-n w (IjI (hii

(un (uv)

II ' gt;

Q

gt; 0571 0X1 2 quot;71 2 fH71

fun 0X1 \ (VI (HI ^ 0J1 UV1 CFJl OK p (HI w

O c^

OJII 2 (hOI

-ocr page 197-

ZAMKN'-il'RAAK VAN TWEE SOENDANEZEN.

jj \ (Ut v u gt; j : jj (L.^ (toj! 7^ rui 6

rrj trvt w

_ *- x

II wy (amp;) aamp;r 2 rHiji \ ^ (ZJJ amp; ^y? ffo? nsn cyai ^ ^ ^ ^gt;7

(£J} (Hl \ (hJI nsn (5 ~j9,'7yM OJÏ lt;SE4 (tut (U) (Hl iï \\

Ctci tJI

Q

jj \ uvji ajj\ 1} ]Jjj (UIJ (f£// (Hr! ^ ajV) N ^ ^ (}^ ^1

{— ^

(ut (H) p (M (ut nj) (r) nn (Hi w

) S I

Ij say (EJt aamp;r 2 (Hijj \ n ari m a_ni (§ ^ (Kit asy^ (ibi^ajinn oeji (rj asn $gt; w

H \ aAj (UI \ II (K) (UI (F1 trj (Kn CLn (Ky (UI (Hl CFJl ^\(U1

O Q (un fi/ui aji (hJi (Hi^i W

s- a ^

II \ ^1 CEJ1 (IK 2 (Hl p H 6 (HJ^ (UI (El ^ (IST) (Hl LJJ (Hl (UJ

■■ - cr^ O Q

(Hijl \(in(Hinri7i (Kn (H^G (H^ (3 ^ oy nsn ^ \ asyi nji oji

Q O

(tui (vrn cinrt ts~ cui i^ camp;ijh^ rrj w (yj (ie: (HTjj \ vy cm (hojj lt;5 ^

(VU! (HJ (T) (amp;1 rrj Tl W

a q

(hj^TI (amp;1 nrj

II N IJh^ (UI \ II FH (Hl UI (*1 (Hll (l~l (1711 lt;s~. (Hl ï l (ISri^Hj dJI

a o «-

rj (Hi wji \ (K/i dJi cizj (ui etui (ii)n m (F/1 (Hi asn (hyj^ rui

O O ox O ^

am 0^ (Ui rui (vu (Hi (Hijj 6 ^njui (hi \ (kh nn (hi (hii (Ui 6 ~i

n .u

(Hl 2 dJIJj r (UI (KI (Hijj W

II wy (Mi aamp;: 2 (Hijj \ li un tq rui \\ aamp;r (Eji (HTjj \ am or (tui^ hijj S— asn rn y i

Q

H \ (ik (EJI (Hiji \ ii T l

c _ __

II OJVj rui \ II (FJI (Hl lUl (Hl 2 (hJl ^Jj V ni

(hyi (hl \\

U/U

S O *-

ff ^ 2 (Kyi n a (isn oj ui \ ojii (Hii (haasi^ (U) m

Q Q O

Q O

(Hl /] tS-~ asn (hyi tui \ (vni (ui (Kn (ui ojii \\

cni \\

O , O Qe

-ocr page 198-

14 /AMENSPKAAK VAN TWEE SOENDANEZEN.

^ O Q

(amp;)\ tui (ïjï (Hi ajn (vgt;r) (hh no rut ceji nx/i (amp;i nw xn f/ oJI

II \ IAJJ (ui \ a om \\

quot; CI

II ^ 2 (taji \ ff aji no (ie:\ (nn (un ceji (rut (hmjtaji

^ O X Q ^

(EJt 2 «377 rtJi (rj fc7? vut \ nsn jj/ nsn (ny (tw (un \ n^t ^

(Ht (3 ^ (Kt (HY1 6 tUt (IJ^ (tUJ^ (£Jt (HI (Ht^ (HtJ^ (amp;1

S Cl O

^1 (Hi ^ ^Jt asrt ^ (ut (HTtj w (Hj^ nsrt (Ut tï cm (t^ w (tm njt (hj^ (S ~amp;k(njt (EJt (ti asrt ^ éJj ^t ^ (un (tojl (Htt (VJt (Hrt rut ak ayt

Q *•

(q (Ht o uy (rj artt ijj artt ^ (Hn 0^ (Ht ^ (un asy \ no aJt (Hrt (Hrt

(amp;t

a

II \aj) m ae: \ n 0^^ crt^ trtt irj m asrt 2 (EJt ^rhJ^am (Hi

(urt (Hrt (Hrt ^rt amp;jt (Ht rrj (vtt (uz \ (Hrt njt (HUs tut it rj (isrt ^

o o

rmt (Ut^ nj (Ut (HtJI n ^ lt;wt (Hrt ~Jt dJt '^Jj a-rn ^

H ^ ' 2 '^Jj N // ^ ^ ^ N ^ ^ fl/gt;}

«- CT^ CT^ •-

tut (H^(Ht\ (Hrt (Hrt (EJt ^ asrt (En (Ht (tnt ae: w

Ij \ njt n ae: \ ff ai) aJtJi lt;3 ^uut Si (htji (ut (utj^ nxjt

Cl c^- quot;

(Hi ^asrt (3 (Ht (hjuurjj cut (KT^ (Kï «tï (Hrt (3 -s»^ \ (nn

(i:t asrt ihi arj rut cSj a^i rut (Ht -j no \ (Htt (Ut (ut (amp;^ (Hn N

cT a os cr^ q Q

tun ni nsn (Ut f t hu :f( 1 (Ht (Hrt crn m (Hrt amp;Jt (tJt (Kt mt

(Hijx HXJt itj(t^6Slw ^(H^(H^(tu^(Ki ira^asrt (isy (IJ) tz-.^ o

(Hn am a^ (ZAjj \\

II \ ^i csjt ae? 2 quot;^JlN // rHrt fy' ^ ^ ^ ' '*1 ^ 'Y

cr^ cr^

rj am ae? Q^fwt (Hi \ w artt (irt a:rt (H^ (hti (tm (c^ ^trr) (amp;t ^

(Hi aamp; y am OAJt (Hrt ~aaxt no urt ant f t ^ (Hrt rj am ^ ihi w

-ocr page 199-

ZAMENSPUAAK VAN TUKK SOKNDAXE/.KX.

II \ rui nn airx \ ii ckt) ajn ^ (m nzn (f/i (h^ run am c^jj

a o o a

(3 ^AsdA/) asn rtxj^ njj wj ^ nm ihi aj^jj \ (fJt vxa ^ .rri (amp;) ^ ajt as

a c^- a c^- «- q

dm (ktjj Ly vj am (ten fen (Zfijj \ asm nj) asn (Hy rut rrj am

O o a a

oaji am n \ w tvm azn am vj) ao rui asn am ajn w p qji ae: a^i

c7/ c ^ s )

- cr^ a

frajj \ fu) asn ftj) a:ri wj as ^ nj} rut aj} a^jj \ asj t i j ajv^

o c^. , a

(S-~ aj) aj) (Ertji oji (hn (Hi rrj asn ^ \ (3 m otti camp;i ^ alt;^ arui 2

a

a^n lt;amp;} o azi (Hï nn azi /o/ (ta a:n ts— w

O ^

t ,9 1:1 ^ ^

HMy (amp;t as 2 alt;ijj \ 11 kj) no as \ (ïJi au) am ö i». cm r*Ji oji

(ini m (K)ji w

ll\aji m as \ asn vji (Hijj \ arn (Hi asn ~Jt asn a^ am ay ihi p a a

nji (hJt (Hijj asn azn (amp;i ^ ay asn ^ w

H\(ri camp;i as 2 alt;)jj\ II ajn igt;lt;hj (3 ^tasj ? ar^nn oji oji ajn m alt;iji as am am w

o lt;- Q cgt;

II \aj) m as \ ajn \ cm oji sn ojv) njt w (H^ oji

o

rrj asn ^ \ am asn cm a^/; frnjj iu^ am^iH^ sj—. w

ZAMENSPUAAK VAN TWEE (COMMISSIEHANDEL DIU.IVENDE) KOOP VROUWEN.

a oo-cr^c^-

ll\(3 gj ïJj as \ 11 (3 amjjs asn oji ajn iHuisn aji

Cï^ ^ Q Q

as a/jj alt;iji (3 ~amp;alt;i rH^Jf ^ ^ NN

a «- o o a Q

II \6 (FjI (hJj asn \ ^ oji aji am ^ asn oji (vji am ay atj) (Hi ^

a Cj^ c±gt; o «-a

vji am ot] (t-Ji ojt OJi as ozi aa out aui am ui a~) m \ asn aji nt,

cr^ct ^ ^ Gr h

cr a

axji asn .?J7 (hj (L^ ^ as asn am n ut am alt;i\ (Hi anj iamp;i ajn ac^

r^/i asn am asn (hi/i am ihi n w

(J chl Ut

OO OO

\ 6 ^^^1 ^ N // ^ ^ ^ 'n*// aJ1 ^5gt;gt;

-ocr page 200-

16 ZAMENSPR. VAN TAVEE (COMMISSI EIIANÜEI, DRTJVEXUE) KOOPVROUWEN.

«- cr- cr a a o a a

asn ^ f j t v) fHii tm ^ (U) iHjjj w (UV) \ ui rtsri asn a^tui

o O O a Q Q

i} ij) (Hii it i/i \ run rui vli \ cki rui (mi (Ui (uut p cky) tU) m \ am (M

( It '

xj) tun (ui mi n \ tisn jjï im a n w

co ii c_y/ CJ

a a ^oqq

jj (§ ^ c£ji KI asn \ jj asn tui uj rj crn tuj aui G ^ (het oji fui

1 -O QQ

(Hj fj \ ir^ m n^n^ttui inn iilt;iji G ^ aiyi ff i m asn a n iHj/j oji

o O a Q

(lw ojti thn 6 -iamp;ajiji \ asn (hm ui m ihQ rui £/) ? vji (en (vui (vi lt;ifL ^ ^ a a

aJi cm 2 (*J) w (isn (ha (hiii w njv) \

jj lt;3 ae:\ jj (eji (hfi^ nxa (^ ch^ (nn asrj^ camp;i asn asn

(Si (hi^ rui rj asn ^ S? rtui azn \ oji rn 6 -^mji rei

«■

lt;7^ asn ^ (Hn m (ui -yj rj am om au) rj uvi asr^ ren CH^jj

a as

a^2 N ^ 'H^Jj rl^n ^ 'Y'*517 ^ ^ ^ ^

(EjI (H^ \\

jj 6 -ifis gi ^ asn \ a (3 3- (K^y lt;3 -iamp;ajlrt ra rj asn ^ ffo? tï (ui

i a a o ,

q-j^ ^ \ tui 2 am nji (ui cni (3 (K^ ui rui tun d.ji nji ^ artii

nsnj! 111 tJi 6 ^fH^rna^,Mi2 aw (Hj a^j^ \ (amp;i (Hi

, a «-

/tui (fji ^ (3 -^'Ti (ui lt;m asn ^i aamp; ca) ^ aamp;: ot) ^ \\

q a q

jj 6 l i ae? \ ij (Hy rtun (^rj cm (H^jj (Hn asTy\ asn vji

(~V 1 / Q Ci 13

(3 ~rfslHl WjJ (3 71^0^ ItlJl (UI OJl éS~ ^ ajn IH1JI (UI WiJl

(Kn afn 2 rj tui rj asn aïi (Si aai 6 ^t-twi (Hl (hj rui asn m

o O *'

njjj fJi (Hij^ ae? p as: ^ ^ N ^ ^ ^ 11571 ^ ^ ^ ^ ^

itrj fl^JI ,èJt 2 2 11711 N ^ ^ ^ ^1 \^)2 riS^Jj * '

c/ CT^

m o (vm m (mi tz— \ (HY^ (EJI (uil (rui czj^ (h^Jj ^ ^ ^ ^ ^ (l5ri N (t ,77 cu^ (ëi ^ ff-o (ut am (hi ojvi '^Jj x ^ 2 11711 ^ lt;ri nji asn iE/ï ^ \ m o 77 (hj^ a^ti ui vn om rn a.ui '^Jjxx 'r1J1

-ocr page 201-

ZAMKKSPB. VAX 'I WKE (COMMr.SsrKIfAXDKL Dlir.lVDXDE) KOOPVllOUWEX. 1? O q

nrn ut czjj (hoji «n vj w rj cm rj rvrti ae: rrj m mm (Hj rui (urj aJj nnjj asn (ui asn oji (Hj /j nsn 2(3 ^ (i rj^ nn (hntyct w chyj rtj

^ O «/

asn (U) nsn (hi (h^cej) nsn w (Hrj wj w

Q o O O

risri N // wrj 'VV) 115111 ^N 111 jj ^ ^1 *1

cvrj^nri (isr) w w w (hyw cm Mjj

(3 asn (Ui ~rjj dj) (rj (ui na mnjj \ trw rfii '^Jj N ^ 1707 (tni cFJt p ts~ asn \ xTn crt^ ^ j ^ tun ihn ~jf) n ut cm 2 (St \ ait a tt (Kt (3 -^t asn (ut (un njn (tw (Q t^w (Qt (3Jt (EJt ^-rt w (l^ u j

intjl (jsj^ (i:)jj nrj asn uvt \ ut u? (ut dsn dsn (fit oen m ajt (nn

ci cr^ cr^ ci o cgt; cv o

(ibtjj (Htt d/ut \ a.jt Fit (Kn ~n rm ajt (hj/j fut ^ mn ^ (üi (yxd (nt \

^ (Lsn vy nSt (Kj vj, (i^i \ ut (ut ut asn ^n^i e^rijt \(i^ (Qt

ci J

(hJ! asn ooi ^ tS-^mt (HTjj \ rut ut 2 not 2 asn w ni (hn \ a^[j ant

aamp; (Hl lt;2^\ (LJi (E/t rrt (Ut o (het (ZJt ,q ajn (Ht fj—, avt \ rKi frgt;ï qji ut 2 CO ' ) ) Q

(Hrt 2 (HJ^ (Ht \ rut (Ut ryj (HTt (l/vt (H^ (Ht (Ut nt fisJt

^(tv^a^c^^i alt;i (^^ ^ nuuHtj! G ^(un

(Ut (Ut ajt (H^ N 7j} (VlJ1 (l^ W lt;Si aüt (Htji (i^ (U) ^\ (hj^

Oüt asn AW rut (amp;i ^(3 ^Jk^t ajt errt (Htt rut gTm (Htjj (3 ^ n/i mn (hj^ asn ? ji (Ht iu^ ^ iTji ^ \ asn m rui asn (un (Htji iut (lQJ^ Ktjj ^ run (Hj^tHt nrj asn ^ w

ll\(3 ^'r/u*jjj(ie:\ jj (tut rgt;\ asn 2 a:ti risn^arrt ajt rrj a^t ni (NT^ rut asn (ten (3 -^kajut (hj^ (L:t tut ramp;i ^ ^ rnm (Ht a^y \ oj^ (t^ (fJi cru (hit ut 2 rum 2 asn (Ht mt oji rq (Ht^as: rut m m ajt an

Cd ^CJ q u CJ ^

ajt rj mn ojli (H^ (Ht 7l^ K-A ts— 5 (un (H-, ut wy w U \lt;3 -dk^jUïsjjj asn \ jj (HjjCamp;i asn ajyt rut tz^^ajn alt;tji ^ ajt

B

-ocr page 202-

/.AMr.NSl'K. VAN TWEK (COMMISSTEIIANDEI, DRIJVENDE) KOOPVROUWBX.

a a a

ivw a7j itu) p (3 -Jtstw) ojirn dsn ffo? abri (un (W) w

^ a 11

^\(3 ^ f l N M ^1 2 707 '7lt;/?

a O quot; Q o

^ (137? ^ lemji (amp;i (Hi fui 2 (*Ji (Ui «vgt; f» L J AO? ~r» \ M

rui lt;2 UI (LÏTl (hl iv:i ten 2 «7n 2 rui 2 lt;T07 (ie: c^cej1\ (hu fUJj (Ut (UI 1

m ,ai» «7 fE/ï ayïï (Ht

II \(3 (i£i \ IJóSKV^ (Hj^ (H» (iiy\ (KyinjKH)^

(tui ceji ^ a rt c»! m run 2^ (Eji ^ (cn tS-^(*Ji (tui chth \ quot;^j rui ruio

d t. o _ a o *

rui rvn rtvi (vi ?! (hovj ihi ^ rni^ atr^ wG ^ ^ a-rn ^ ^

w (Hy nvi «i nsn ^ ramp;i (ii^(m quot; ^ ^ ^

nji (kn (hjj (vil (vil ^ (nu 2 (Hii \ rui (Ui rui ^ run jto oji ruj^ (H^JI ^

(3 ^ni (vil avi (hfti rui (Hi/i (Ui (Hl ö ^(hJi'5 \ (vu ni

asi^ cr/ o

tïa (di (Hn £1 (Ej1(uijii\ 6 ft/ïcw asn ctTJj^ (vnramp;i (Tvi nui (Hii \ nji rui rui (tJi (tui (Hi rui 101 (Hn (kt^ e~ \ (Hiy nx/t (Hn (Hn (^ riJi (Hn (HiJI n lt;^asn rnn rnn rujj \ a^rt mj rut (Hj^rHi

^—•- ^ O *,

'T7 'yi 77 (vrn ryj cyi nsn (Hn Hn (t ui (u^ nsn (vn fj quot;ti rui 2

C^l : _ _

n c^- 00

fMjl w nsn m nsn (Hijj nui crri amp;ji (uui 6 ost? rut m 2 (vn

o s

(iÉn \ (un rrj rui (Hl (iz? (vi^ quot;^Jl ''n ^ m nfi rzji (Hi ~ji m ryj (Ui rvrn (i^i (vi (tvi tui nsii (Hn y niJi ^ asY^rru^ruvie—rHrj^rrxA ^1 1S77 ^ 7^ (1(1^ 707 (HIJI W Ö ^ ^ tUl

^n \ nui rtj^ rniji op rui ^ (3 ^njvi nuj^) ^ rui rrj nn camp;i (Hi^^

O ^a

ui rui tHi (tui rrt nsn ? *Ji oui tHn w

s lt;hij ( )

H \(3 ^Jkui ^ \ H (tui ^\iun (rj rui (Hl tvn iC~.6 ^(uvi nu^ m ^ aji nrj 'yi kji «^i rtx/i (Ui tunj/ n ^

O O «-O O jJ)

(tui ^ry asn ^ (£ji njinn rn^nji tuyj rtuj^ rui oui ihi^ (h^ (hi nsn

-ocr page 203-

/AMKNSPH. VAN T\\ KK (CO.MMISSrKIIANDKI, r)HI.IVKM)E) KOOI'V UOUU KN. Ill

(im oji rj (Hn oj tra ^ tun lt;c-. w

, Q

/)\(3 CïJl '1-J] 05 ï) \

11 Cq n

es

crn (VI no w

, Q

ii (3 ^kiuv) ih1 lt;su «5ï7 (}lt;^ fljl kw (u) \ fui


, O - Q

Ij \G (ie? \ a (un rwi (vrti m nsn ivj og: camp;i nlt;^

nrti 2 rrn (Hi rr) asri p \ (H)7 m (mi (un crt) (Ki (hn m ct n (hi hhi \

n 1 ^ h h ( ^ O ^

— O —, O Oi c.

(? ^ (TUI (Hl G ce/} 3v7 quot;T) (UU) \ ffO? (H / ^ 0 (HTl 2 (Hl 2 \\

(j lt;^1 h Ob(j! ) Oi-

, Q O «- O o

ƒƒ n 6 Q^f ^71 x // ^Jgt; ^ ^ N rtvi (d rruf rKti ita lt;-gt; gt;

1

a r) (Hi w

a

\

//

(E/l cr» w

\(? ^ ®

\6 cfji amp;j] turi \ a 2:n ojvj fKj m a y ^iui miw a% cut

~n ïij (3j) ^amp;iu) rui (hiiji \ (Kj (Hj nj ajj vhj p ajj ^1 vji ~Jt m (N^JI ^

(hyj^ (hcj (Kii cry^ cm ru^

a

ii e^asii (hc^ajim (kjjj m ihtji i,

crn (3 (hn /vw n/n

fHl \\

\(3 (hj) (lamp;\

II

(Kn tU) m asr.

h

O

\ (j cfjI qj) {1577 \

//

//

-

(Hii cm 0*1 fhj) niu} (yo at) (K) (ut crt)

an

lt;3 ^l^l 2 ^ 2 (U) (ITJ) vlj dJ} (hO) OSIJ^ (Eft ^ \ (HtJ^

a as c~ o a^-

af? ^ (Lgt;r) ^ tui asn ilt) thai rhn ^ mn a:ti \ myi (Hii ^

O a

^ trui ceji ^ u:n tuui (hj tui 07 ^ itj) i-ji nui aji ihj

luj^nri ajinn \ ^ ^ ^ tv,/^ %ji lt;ij) n^j

CT^

nc^ 0^1 rui nn tHii11 \ ■ui a n a^Jl ih) rc^ 7v) 2 ccn (ilt;i m

:}.J1 OJIJI \\

//

' riJJ fHn tun (EJt ? \ (Hn (3 ^As (F1

N (3 CF/1 yj) (If? \

Cl C1^ O

(isri \ nsn nji (3 ~As a» aj} ajt v-ji mti thn (ilt;i tnv arti ilti nn thn \

h _ rj /j fj cj

O Q O

a m tfjj^ Wjj w MII \ cc^nvi sgt;fvn ^^Jl

T

O

II asrt ooi ^ m tui a vi xjj 0^ am vji (ten I C~-

^ o o cr^

-ocr page 204-

20 /, AM KNS Pit. VAX TWEE (COMMTSSTKIT AXDET. DRMVKXDE) KOOPVROUWEN'.

a

ll\(3 (isin \ a cho^ camp;i ojn asn n:n ^ nsrt ^6

^iajisrhs itji (3 -zfts —1 ^ rtm ffo (kji ivn 2 om \ (3 ^nsn

Q _ Q Q ^

ui (tji (3 fji ~ji p (un (hi a n m ruti lt;s~. w

1 ^ (un (hi^

q o q o a x o

h \ (3 f i ijj (ie: \ 11 6 asn njt asn (tn ^ ui asn n y mn

O Q Q

(ha (hn (un an) x:i (hq thn ajt am am lt;s-^\ asn m ws ~di (amp;t ~ji ? ^ (j ll ct s gt;

Q Q

ajn (hi (kïji a u) \ vj} am '^jj ^ ^ 15x1 ^ x ^

a O 00 a c^- ^

oji (tui (hn Tl (d~jl (uv) (hi -ift (hi \ (kn (l-jjj (u) hl (ki ojvi ^

a* a - q

(lvt (h^ (eji aui \a7j a^i (ej oji rm wi \(hi ^ atijj (3 ~m(h^ (ui aj)

a «- a

?l (hn an cm ihwjli aa (hij arvt \ am m (ui (hn asj aji arti (hi w

a

ij \ (3 asn \ ^ (hti i^(h)ji (3-iasojvt (hi (h^(3-ifkcrti

(ul ~j) (vl-l \\

a o a

J

\ ^ cqj^l ^ X m ^ a *jj ? 007 aa^1 'rij aJ12 ^

o

ajui asn ^ji (tajj (3 ^a.(vv) alt;^ oji (l^\ (htj^ m ax^ (hj^ iht^ ^ ajj

a o q x a

ajvi p n (htj (hi n (amp;) (n vji (ui (ut asn aji aji nrt asn (i~ji oji (w)

/gt; l c/y 'cj _

o Q a cr^ ^ o

(ïl ojim n a/w iloï ittï ^07 \ lt;3 rrtl (m

a cS cS «- □

oji nsi am ao \ asn ihi (hij nrt asn tm (uj oj) quot;n asj ^

Q Q

ll\(3 ^as rlsrgt; n ff oej) 2 (ul (txji (uvj^ (tj ojut (hl ^ (htl

«. z' a quot; quot;

(ej sgt;\ lt;3 (tj) ajj (tui (un ihi am am lt;e^ (hn alt;^ (hn aty

an (hjao \\

r a a

ll\(3 ^ (ik \ ii (hn asgt; rto iiyri am ay m arn a^

*■ o ^

(rui (hn (hi am am e— w r ) s

a c-^Q^ -O a

ii \6 ~a f ? w asn \ ii a-'t^ p am /hi (ui am vst lt;y^ ui/) \\

^ a a o lt;■ a a

ii \(3 j ae? \ 11 an asn (hj/j am aui avi asn am (ui asn

ts __'

asn $gt; (zjjj (txn (hn (hi ^ asi rj asn ^ \\

-ocr page 205-

/AMF.VSPH. VAN ■IWf.r, (Cl )M M I.S.ST l.l I A N DKI, DRtJVKNDE) KOOl'VIIOI'W IN. 21 O O Q O

jj rum \ 11(3 am fKr^ rut (tJt (im (Hn (hajj \ (EjI nut ^

a a a a a

:ij; asn cfji rm (uvj (hj /j w (uut aji nji (Hijj nsn (hm n ut

a o

fj nsn njvt (£J) ^ \ rnj /j ui (uvt run ^amp;ivLa \ (ktj^ ikj aui a

fui fui am 3 ij) (Hi fisn tta ten lt;s^ w

// \ ó cun \ I) vj) (Hn 6 6 cm oji nsn (Eji —n

quot; co h 11 I ( cj

a a a a O O

(El ^ (HTJj (^Jj tsfl (VU) \ (HtJ EH (Un (HJj (Kf! (UU! (UT! (HI (IST! ItU)

a a o

asn ^ (Hn asij (Hn (vu nfn 6 ^(E/iw a

ll^ ^ 'L'v} N I/ nsn w ^ N ^ (HruHijj (vm ajj^

o o ■ ^ ^ ^

(3 (EJ} (Hr^ (Uj (HT! IJl (lij (l^- lUI (H^ (HTj^ (Uj^ 1yJ^ ^ ^ (L,n

a _ CTquot;* q s a

XAJt N (Hj (VJj (LJ1 (L7gt; (UJ \ ^ ^ ''lSrgt; ltJ1 lt;KrJj ^

Q

^gt;7 «Jï w

' CJ

O - ^ O

^ \Ö ^s E/^Jj^ (IK U (EJI cm (3 -fk (E^ 2 'H£Jj ^ f?'»

Q

(t Ut ^ \\

^ a

jj \ 6 ~iAs E t asn \ a urn (vu \\

(.• K-Sl'liKK MKT HKN TlMM KHM AN.

a a

(Ktt (VJt cat (ut dsn ajt am (EA ~Jt m inyj w

H \ ut (tJt (Htji \ ii !}lt;i (Hi no cm (Htji \ (vn dsn my (Hn (Hn i ij,

cgt;

I I

(Kl^

_ O Q

II \(isy (Ut (HTJI (3 ~ïamp;(H^\ II run CÏVJI \ M (HI (at (Ut crtt 2 (U)

cn (Hit (3 (Utt (Hn nut ' ~

CO ' ^ I

as a O a

(Ht lt;s-^(un rut VJt (Hn (ut^ (EH oo (Htt (3 (utt (Hn nut tut \ nsn

co 1 ^ h

as _ a O a

(Hn no (hi ft amp; ^ am rt no (Hn (Hi E t artt (ut xjt asn ft w ^J! s I wgrCJ s i c_y/

a a

II \tJt (ut (Htji\ ii i j (Hn am ceo no ihiji (hij^ nut (Hj ihijj \\ II \ (isj iUt ihnji 6 ^fk(Hjj\ II gt;*1 no fN^JI 6 ^

I Q

dj (Htjj eji (Tj (Hi ^ d j (Hn (Hn 'vw (Htt (Hn (EJt *1 asn ^ w

a O

II \ (Hn (Hn cuv^ \ ii ojj Ej-^ (utj s ^ ^ ^

-ocr page 206-

Jl? (UI (l~) Ml (Hïl fi\ ((U) (Hll (IJlfcJI fcJI CFil m CFJl (101 (FJl (tU) Cïï}

/J) KJ) 6- ^ ^ ll

/ O O O

(C» iHi (iüi m mi 2 thji \ err) w ihi 2 (hJi -Jlru) 2 oji

ofti (Ki^ lts'L.

■• O ^ O x

// N Clil !*Jt IHI (Vl (l/tl C£j1 (tXJt (3*J1 f) \ (H71 IhO (Hl It IJl UW (Hl

^Jl CO lt;dl ^gt;/0 l

a ^ o a q o

(irt) S— \ (ijj (ut (3 -^isiAJi (Hl a£lt; 'ut rrn m rui aai /1 (uil (Hi (Hi n

h ™i ' chl l^J!

^ O Q S

(3 (isn (vn rq ciJi a::i a.y i_ji a^n ~ji n vi (ii,r^ w

Q Q cr^

jj n «J) thijj (3 ~amp;(h^\ n (kii cyi r(eji (mi (hj) ^r^djii art) ihi

Q S S O Q

IXJi —.7 1XJ1 Oblj^ (Hl (Kil 2 (iJl ri-Jl OUl 2(*Jl (hnjjW

__ *- O O Q O,. c^

!} \ (Uil (Hll (Kil OJLl \ D (UI il'1 (Hl (Hl 'fJJ 1F1I ryi !amp;1 p (UI (UI 'ïtl

quot; h Ij 11 VKamp; Ml ) //

(Hi iLijj uj rj cru oji (hii (rnjj v lj\(V,y(Ul (Hljj 6 ~amp;(H^\ jj (Hl l UI \\

CJl u

•- O _ O

// N ^ ^77 ^07 N jj lj) (UI amp;1 (Hl amp; UI 2 (Hljj (UI an (Hij

Cl

ruj^ (Ui itvi (Ui CHi ^(iL.^nj oji (Hijj \ (uj mi (3 (HJ^OJI SJ*

o a a

c£j1 5 asn (hki no asii (hl oji oji culi w

^ C^- Q .

jj Xdil^ UI (HTJj (3 ^(H^\ jj (HlJjd^ramp;l Itui (Z^foll (Hj^Ö

Q a o

'^Jj X ^11 ^ 1,1 J) !J; (HlJjG^ (Wl (UI ^ (Hl (isn (UI (tvi

s O Q ^ Cl O

(iygt;^ \ (HIJ, fl.j (UI (UI dj (Hll CFjI (tui 051^ (3ïKH^ '(hjl (t VI 2 (UI (Hl (Uil \\

- O

Ij ^ as-j (Hu (Kii 7.t^ \ jj (Hj tl (vil asn gj (t iJUHijj ati camp;i

no (Hi ts^w

CO

s- Q O O -

\ cvri (Ui (Hl f! G (Hl \ }j rui (UI (Hl /)\ (Uil iWl (IW (Kil (Kïl

ru.

jj \ dsr^ (UI (HIJI (3 ~amp;(H^\ Ij rui (UI (Hljj \ (1711 ÏUUI (l',r^

a a

Wjj ryj (vn rj m (Uj^ (UI (Ujj (UI 'ni (UI (UU1 \\

Cl Cl

jj \ w iVJi (Hijj \ jj (fji cm w

O Cl ^ O Cl

jj \ (i j iui (Hijj (3 -Ji nrj \ jj (isn rui (un (fji (mi ruvi (Ui nvi (Hti

O s a f o

fJRSl'KKK MKT EEN' TIMMKHMAN. O . Q O O O Cgt;

O

(ui (i7n m (vu cui or tl (Hi rui cru s

(Hi ~jn (tvi (C—- nsti (Hii 2 (Ui alt;) cru rui r, (3 cru (Ui n w

•lt;ï cru ruiji (3 crti rutjj '

-ocr page 207-

11'

fii:si'iiKK Mi;'i i:i;n timmkhman.

o «- •lt; cr~- •- , cz^ ci n n (ui (ir (tai lirn w 6 asn (H^JjNN

O O

\ asr] (Kil (Kil fui ] \ // lt;2~ asn r£ji ^ crn (amp;i —i n ^Jijj ^ 11 Ji 2

OSYI 2 Sï rj7gt;) fU/} W (3 S- liM ffO?H \ (Kil w om 0EJ1 ~J1 quot;gt; gt;

Q ^ ^ ctquot;^

Ki ft (Kn ifn (ui -^fi (im nn (uil ti/i czn 2 nsn 2 a^i (HlfHi w

«a, cr

O O

wasri.aji (Hli\ lt;3 jj (Kn(tJifuui\ cm n^i ^ asn (ifi 2 \

asn 2 (Hi w

C/ (,__

ƒƒ ^ (5 ^kdCj \ h (Hi njii cfji 2 (tui -Ji ihi asn azn (amp;) 2 asn 2 (Hi (ui asn (Kn (uj ui (ui c^jj \\

(£9 crt i w

H N //

U \ asyj^ '.ui (Hiji (5 ^ \ H nsn ^ \

II \ Oi' j (Kil OOI (Ul^

Q

asn p \ mi urn (nn (ïji oji

^//

H^djiwji

(KJ^ (Kil (i/1 ~n (Hll nSl 'Ltj IIx in™/

O O

rrr) (W-IJ Wl 1*1 (Hl ^ (Uil (Hl (Vil UI (Hl (UI (K11J \\

rui \ d (ui (Si fa (Hi f) (ui lt;vi nSi Sa aii (Si (ui 2 /J 'f ^cJ/ ll CJ s

6 Q

\ ^7 ^gt;7 /Hgt;7 (tTÏ

I \(li,il (Kil (Kil (LUI

U^f

//

} \asii (un (Kn Ltjj \

(un 71 ^yi ooi oji 2 asn 2 (Hi \ ouk if! (EX ^ ®ï ? ^ (kii

lt; fJ _ '

O (H

«S/; 2 77 «5Ï7 p rt5/gt; (3 (Hl (Hl 'Hj^ IHI /j \\

(kii ï i om asn (Kti n i (Hi

____OO

CTj (Hl 0 (im * j (Ui (W) (*Z1 (Hl 2 (tJl (IJl (hVj (HTJ (Hl \ -J-j

Q»,

crgt;

(Ui at? mi 2 (Hi 2 (Hi arti ss— \\

CJ

tjjVJt 211 asn ^ 1 II\asy^ IUI IHIJI (3 (Hjj \ a aaj^

y

(Kïj a7) n ul 9 (ui asn (Kn ay a^ (rj (Kn \ 6 asn ui cz i m m ~t£

(Kn '3-Ji cm (En ~Ji~n (Hiji m (Ky f i

//N1

Q O

\ asn om (Kil ivli \

f

//N1

n £i cm \ ihij csji (un asn (tn (tui (hi II ll CQ 7KCO

^ cr;

H^nsH ^ (l^JI 6 \ U 6 \ vpnsi ^ VL^ ^77

* c **

f ƒ (tn ^ osr? «jï (gt;1 at? (*! (kii \ asn asj

Q (Kil

^ a (Hl (Kil 2 (i*Jl (

-ocr page 208-

(i ES PK KK MET EEN TIMMEHM.VN.

n. - _ - _ O

7 ^ \ U)

I / ™J/ ^ ^ M (KI (amp;1 (£) (ISY) (UV) (HTJj

II (tsy lt;U) (uyi (3 ^(H^\ II (Hti -tl (Kn no (3 w ^A. a n

^ Q ^ x a Q

no run (u) 2 7j(U) (FJ) ru) asy (tm 2(hJ)(tJ) mj) 2 ^ \\

lj\(iFiyrHn (un (uiy\ ^ (L/) cêi (Kt) 7% (VT) OJI (K)}^\ (U^

(U) (U) 2 rj xj) it^rrj am cut) w oj) m tha 2 (tj)jj w

II (U) (H)JI (3 ^k(H^\ II CtU) (Zj (hajj (IS)) MJ) (3 ^ WJJ

s- •- o a

(? rt)) vj) ft \ asn (hi rhJ) ru) 2 dJ) no (en (Htt (ut mi (U) nsr)

a au' l) CJ s 1 //

TT) I

CJ

II ^ n H (^jI nm w (Ko (U) no (U) arrt (amp;) 00 dj)

(3 -A •XjId (u) vj) ? nj)) (to (amp;) —7 m (H) ft \ (uk (*ji (EJi ni (irt) r) (tj) ) cm ijl ifoj, f

O - z' ^

(Hi -E/) (isr) tvn (3 ^ (isn w ^ rJ S

H N ^ WJ! 6 ~amp;lt;(H^\ 11 o:)) ïfa (Si u) oojj (FJ) 2 CFJ)

y /Hi ^ (Hn ii^ \ aj) (ir)) arn^ê) nz)) orj nrt asr) 2 «w ski (uk \cu) (U)

''oo a a C^Cgt;

(EJt (EJ) (rj 00 ^ as t) (E/i ito am nrj tu) (Xj orn ramp;? (urt ito ru) (t ut iu) 2

Q Q O Q ^ O

m\ (Hj) (ut (ho ryj (vu) tyj -t) (ut (un (V) (HJ asrt fj \ osr) aj)

e. (^s, Q

(l:)) iuu) (Hji (Uj^Q ^ ooi w ~jï) rtu) cej) it ij) asrj^ 00 w

II xa'J'^ 'Hrl ^07 N II J j f j UtJ^ (tO g? CtU) (tOJI tO £'j (Fj) do

o o o o

U) (3 -A-.HAJ) (U) VJl ^(U)) DOJj \ (3 -tfsdJV) (to (t^Jjj l-tjj (Kt (to (TJI -tj

(U)jl (i n n firt) oy (U) on) itu) 00 (U)) (iamp; (isrt ~j) (un ajt (ut o

(tX) ^7! Kï K-y (U) (I^TUFj) ~J) N tdJt (1-7) 2 (t0^2 U) nrt)

n^i ut 'M a/) (im ^

T' 2 (U) ryÏA im (ui 2 (rjiUi ivn WJI nm w (€/} cêi aïn cej} ITXJI

s d^i \n

/ƒ Ml (Kn CVL^ \ jj ^(Ut cëi (M ^nji (Hl ajiamp;ji ^

o Q q a

w ^y/ ^ ^ 7/ 091 im w tal (amp;i camp;7 tisrt njvi (hn /)\\

1 057} (U) (Hl f) 6 -^(hQ,\

a s s c\ q

(ïjï .1517 (ui om rj ciJ) w

O

-ocr page 209-

'iKSl'RKK MKT KKN TIMMKHMAN.

// N ^ lt;3 ^(K^\ ii run vj rui w vji oji thojj \ urn

O * a a

ajvi asyjj (Hn (un mij 0^ (vu rj m ^aji iamp;namp;n fLJjj w

II \(hJi(VJi (hojj \ n cèt cm w

a s s

ll\ayy(Kn (Hn(vij^\ ^ fn_^ cnn (ui ^FJI ^Jino (H)Ji ui w .HYI iHiwcamp;j w*! fut (ui (urji cv^c^ri fhnj \(3 om rrj w 2

q o ^

(m 2 rhn ar) asn aji asn (3 tho nw

«ïK £ c7/

II n WJI 6 !Kjj\ II tril kji rui \ asr) nui asn tfjj

^jï 2 (kïi 2 nsY) ft \ run wm fho tji 2 ihti 2 asri \ cfji rn (hen rui

^ S J ^ cgt; a

(£J1 (Hl Of tl (iJl (LSYI (Hn (U) (LUI \ (amp;t 71 (Hl 0 (ÈjI (IJl (Hl 6 (tVIfcJI

CJa ' l -CJ

T

ivn (Htj (Hn (ÏJI w

s

q a

II N 'Hrgt; w \ II (£J1 cm W (E/1 (Hl (UI (Hl 2 (hJI FJ^ nvi WJI ^^ (cn (*1 (ui azi (LJ^ iiji mn nui ffio? rtvj ajf\i\

\(ii-n (Ui (Hi/1 6 ~amp;(Hi\ ij (un tri (Ui w

II \ (isyj^ (Ui (Hijj 6 ~amp;(H^\ ii (un (^

GESPREK MET EEN PANIgt;.\K.\\V.\N' KN KKN UlsTlilkl^llOOKI».

(Hl (VUI \

irr

ui a n m

H \ (UTy (UI (H1JI (§ ~i/k(H^\ II O

mn (vn fuui ^ nsn ^ \\

Q

UI (til \\

a o a rui (Hn (En cm aji m m ^ inn

CJ

II \ (Hl (wi \ uvjcvjturjw^i^^ H (UI (HiJj 6 (Hjj \ Ij (KJ

ll^vj/oyrj^^nn^wji*

//'

(Hl (UUI \

a a o

Ijw ! (Ui ihoji (§ ~amp;.(H^\ ij cm m (ini qk nui^ inyj \ (Hn (ëj

-ocr page 210-

7m mn fi nm (m nsn tin am 'J-m mn fi nm (m nsn tin am 'J-j/ mn n w

s a a ^ h di

II \ Hl VU) \ Ij iWJj IH1JI i

O Q Q

II (t^JI 6 ^ N // fKïl (E/i ^ ^ 'Y '**' ^ Cl5Yt (ly ,) ^

oo o O

fy? (tui hJi quot;77 (L,rt \ ruil ihn tut 2 (uil 2 w

vil ^

o cgt;

II\(H1 IMJ) \ II tJj^ CLTtj (un INI Vi

cr^1 *• cr^

II \iT.ijj U) ihojj 6 —Aij camp;i iKiQJt art) m rem nil (un

O Q

(*1 (Hi ^ iamp;i v u) 'i jj Ob j asii ^ w

,j O«, • N

II \ (Hl VVt \ II ï.j tj tXJlj (H1JI\ (HU (tl ruj (Ut (Ulnlj ^ llitt

O

(Hit ^

H \nsï^ ut (hcj \ li i j nrj (t tj, (Kjj (uit artt ^ aiJt ojvt (H^

a*. cr^ O o o o ^ o

(isrt nrtt nut (vtt (Htt (isit (vtt wi (ut (uut (Kn (Hl /i\ rrt m (Hit

CJ s ' CJ

O - ^

(tnt (Ut (Hij (HYt CE/t\ lt;3 (tCj fl-j (Ut l.j (7L£ ? (177) (Htt

(HIJ Ut ^ti..(Ht (Htt rut (tilt (hJt fl\G ^As (*J1 0-1 (Hl (Hl (ISl t 2'11 2 (fjt 2 () lt;**1 s CJl !) CO

II (Ut (Hiji 6 (H^ \ ii nnt ui.^ ay ni n ij^ luj i/w njt ctztt

O O C^1 CT^ ^

^ N ryjfhn$gt; ern m a u) a/i df? (3 ^ a-c^ (Hl

s a*.

ani fisn 2 nn 2 CF/12 nui 1 w asr) run m (hti (hn camp;i 01 (Hl ? w

(j ca lt;ul s f )

II \ (Hi (uvt \ n (Kt (tajj camp;t om \\

O O

(3 jj CU) (Hl (Ml (ej) (hOJj Ciamp; (U)

*' - 0s O Cj^1

cm (Zji (in (hfïi ^ \ d/n oju) (hn (W) (i~) ni (3 (U) (Hl (hu rui

amp; Ier co l s

Q cgt; •- C?^ O *- O

(Ut (Hl OJtrt (Hl (tJt _1 (Hl (HYt (TlJt (Kt (l£? (HYt (amp;t CLTtl (Wt Cd (Ht

CJ ^ ^ CJh l

II \ (Hl UUt \ II (Hj IHIJI CBJt artt w

-M) ni'.slMtKK M KT KKN l'A N D.VK.V \\ \ N IA KI'A DISIIl I K'I'SIH» H'l).

Q C?^ O

| ceji mi w

-ocr page 211-

(iKSI'KKK Ml.l KKN l'AX DAK A H AN EN KKN DISTRI KTSIKKIFI), •gt; t

Cl •- O X

II \ tuy iui (Hijj 6 (H^\ jj (hn lA/t \ chu f ? (tyi (fQJj njvt (un

^ o a

iho H7)i 6 dsn p ö -af era ivn nj) oji p w s gt; ^ s gt;

II \ (KI OJV) \ II (Kj (hOJ! amp;J1 artl \\

, cr-

H \ tuy (U) (hoj! (3 IH^\ a fv:n \ tyw ly ? ^ amp;.7t a^i /y ?

a Q O Q O

(KÏ7 ^ (hn (HY) \ (Wgt;7 (ZA Camp;) ^ 0571 (1X11 (H71 ^ (Hl \ C£A (KI ^ (IS tl

a -O ^

a rti (hJi «1 (Ki rui/I (in tKi a n 6 (K^ (^ rui oy d^r (Kiji w

O _ O Q

H \ (KI (UU1 \ li '3~y { jf, (Uljj (H1JI (ISYl (3 (Wl (UI (Vtl (Hll OK (UI

a o «. q cgt; C^- ,

ai ti (ui ag^/j \ (Hii OTj aui (Kj (hiji \ oTj -n oji ojli cfji ^ asn Q^i ajui

S C\ «-

(Kj^ cm ftj o '3-^ (Zj \ (§ ^amp;iKjj (UI (1)1 (Kj ramp;J J! ? J1 (Uil (UI (tu^ Cd

(Ki^ lt;z~. (hn (kiji \\

^ ~ O O

II \ nsrj^ (UI (KIJI (3 (Kj^ \ II (TUI 2 (3J1JI OJj^ ftljl (KTI (KI 0^1 (1X11

O ^ O «-O O \ s

\ (Kil TjI (£fl 2 'i (Et Ctxi (KI CEjI (Vil (Kil ~gt;7 ? \ Ö Ofll (Hll

P Ö ~A (FH (1X1 (KI CEjI (Vil (Kil quot;gt;7 ? \ (3 —4, CTIl ) Cq (jet. S /jï fj

a a c~- o

rfgt;ï nji (amp;i (tui (Kti (Ki (ui mi (Ki c~. \\

Cdl (Ld

Q Q C^- O

II\(K1 (W1 \ II (UI (UI (Wl (EU ^ (L,!^ (KI -JYl (KI G ^ (UU

(KI 011 (IK (UI (tui (UI mi (Hl fl\ (171 (KI (Hl (UI mi (£j1 m (Hl

l) 1 CJl U ^

a., a a

(hJi \ (ui £~.(tui arti p (Kn (Ui (ui (Hi (ki am lt;s-^ \ tui ^ no o aoi iv:)

cu a o o o O •-

(KI (1X1 (Hl (HtJ Of' 'IJl (F1 Tl (tl m (VU) (1511 (Kt) (KI (Hl (Ktl (t UI (t UI

Ij lt;^gt;1 ( asi^iisi^ lisi^

n (Kt (Kt asn

'tl

OJI (Hl (Ktl (1~) (t ui (KI (Hl /1 \ (1X1 (UI (Hl (KI (B/1 ~J1 Tl (Hl (KI (L H

rJ- l ^ ' ^ quot;Krm CJlCJi CJl

O O O Q X

mi mi (kiji cfii 2 ut (tui ~/n (Ki (ui ajii a tj, ti ckj (hi^ w

a

II (UI (KIJI Ö ~ifk(Kjj \ II (UI (F/1 (Hl a:tl CF/I fJ (KI UI (UI

(Hl rq 0571 ^ \\

a

II \ (Ki (uvi \ li ^ rj (uijj (kiji axti cur^ (3 (kj^ (ui cm xju^ (hj (3 ^amp; um asn ckyi (tui 1 amp; ^.aji cf/i tui w

•Jl CJl

' \ci5ïiiui (Ki ft (3 (Ki \ li azn foil asn (Kn (tui n (3 ^(iJi cfji ,

Il\a5tj^ui (kiji (3 (H^\ 11 0x11 o^ asn (un ^^JJj ö ^

-ocr page 212-

38 (r ESP KEK MKT KKN l'ANDAK \ W.VX F.N KK\ DTSTHI KTSIIOOKl)

(kj^ crn it^rridJi rrj asr) njvt

^ \ rK7 (UVt \ Ij i j -fj ClSIJj (HIJj w

, Q O o a

H (uy^ (U) (Hyi (3 ^(H^\ (KT) (Liï OAJ) (HU (1K1 (UI (Kïl CfJI \ (Uil

_ •- a a 'o--

HAJj^ (3 ^ ci~j m (§ (ui rui (ki (Kn (ut \ ®i (ty (m ^

o o q o a Qt

nni m (EjI wt rnrt^ quot;^Jj ^ mi (EJi (tJt (Hl (hgjj (i j (Ui w

o cr^ o

(Vil ^ OJll (hOJI \\

fl N // ^ (t£JI ^ XX

lj\(l51^(lJ1(HlJlG^(H^\ ff (hn\(Hl (VVt\(lJi (IJl (Hl ihO

(Tj dsn ^ w

fjMHi (uvi \ n vy (Hiji \ (i7ii (§ (H^ ci^i om 2 nn

(Kil (Kil (Hl 2 (UI (Ml n \\

h tKKCo Cl

ll\(vgt;i^ (Ui 't^lJI ö ^ ^ N II {J) ^ W \ «gt;? (ïiyj (?y ÏTJ

Cl O ^ O cgt;gt;

«sr? Myj ^ asr? ^ \dj m (5 rui (kti (ui \

(tj^n vj (Kt} fKi vJi (irn (3 (isn ^ ^ ^ m \n

*- ^ O- CU a

^ \«jï «JÏ ^lt;7 N // N fT» ? ' ^ m tw a» ^ /OJ

o

ts-^iun (tui (Kn m znri % kji ^ji 2 ^

, a ^ Q

jj nsii mi anJi 6 (Hl \ a (Kil ar) n vi nsn (ui (3 ihi^ njn

C-s (^V

(Hi aji ~ji (Hi (Hi \ (isn (Kn ui (ui (Kii (un nui am -jd (mi ri \ rmi

rj ^cji h c_y/

r' a a •- o

/i ^ aai (ixji (ui (v,n (i n (Hi kjji cvn ihi^(mi chj^ ten nji o-ji

O- O «- O O O Q

run (Hi cf ji (hi \ (ie? (Ui (Kn (i~) hui tun (hi nsn (rui 'f-Ji (Hi (eji nw

^ IJ l^i i ui

O a quot; a o

II \ (Ui rui (hi \ // ^'frgt;) ^ :q ^ \n^cui azy^n rm ajin

rf/i ^ (3 (Hj^ nn 2 ~n 2 ramp;i ~ji 2 (Kt^ rui run nsn^ (Hi ui ru^ xn

rKT^\ (3 ^(Ui (mji r6 ^rn^ am ruj^^ (fjj^ \(3 ^ch^ rui arn chj^

a a •-

(ZJiJI asn (Ui (Ui nn (H) (Krj^ (ki^ (f/i^ \ ajt arn (Ui nu^ cui jki \

-ocr page 213-

GESPREK MET EEN l'AVDAKAWAV EX EENquot; DTSTRTKTSIIOOFD. 29

jj \ asyjj (U) (htji (3 (H^\ ii !vn \ ivri (uvi ^ vji (vrn (rj nsn ^

S- r Q

(Hj j (3 ni j (ki -ïA. nsn asn run w fHl w

s

ff \(tj) tui ihn \ jj lt;s~. asn (amp;) (ur^ (HTjj tj? run ^ \

- Q o o

(hJi tij) ns rtJi m uj (amp;i aec rxi nn 1 '^^crn ^ (KTjj \

a a as

(3 rum (Hl (Tj asn ^ czjJj nn ^ asn (amp;} (Hl otj asn tJi (Hn rui

O

(Kn (Hl (amp;) (Hl w

(Hi^

IfsasydJi (Hiji (3 (H^ \ 11 rHn nui ^ asn ^ asn (3 alt;^ \

mi m (Kn (3 (HI w f (fa, (j

/quot; cr^ x o Q )) \ (ui (tJi (hi \ jj (Ui (Kn ani (amp;1 m (hi (Kn asn a n rf ? \ d j)

quot; quot; (lsrl 6r l (ui/t ;gt; (Kijj (amp;i asn w

a a a

ll\ai^(U) (Hijj (3 -amp;(H^\ // ^ ^ ^ ^ ^

(amp;1 ^\\

s-O sa

II \(Ui (ui (hi \ 11 (hjj^ (3 -tb (tut as^Jl om (Eii m (hi aamp; (tui

O» O Cl Q

(H1JI vyramp;i ~ji (Kn oji ajui (ui ojm ^ (Kn (Ui m \\

- c--

H\abi^(Ui (Hiji (3-^kalt;^\ 11 (ijj cïï^Ci ~ifk(tiJi asn^^\ (Kn ^1

O O

(Hl (Kn vy (tui (ui (ie? (tut (Hi -v/n (Hl $gt; r (amp;i ~ji \ vji asn

- o

vi^ (Hi am lt;s~.\ (3 ^oa/i (Hl crri (ui ^ nui ^ ar.n am w

ii \ (ui (ui (hl \ // ^ quot;^/j quot;tu! (ha 0171 ^ ~^l quot;^jj

nx^JI y) m t*5™ lt;t^7 p \ cm (eh ~ji m (^ (Hi ^ (gt;1 n^i (Kn

Q Q O

ae: (um ^~\ w i(iJi a^^wrui ajvi \\

Cquot; ■

II N/Ii ^ (UI (HIJJ (3 ~amp;'H^\ II am (UI (UI (Hl \ (Kn (uy (tui (tJl 2

q a o o cr^ c^-

(ui (tui 2 (Hi 2 (Kn (ui (um \ (tui (£/i (Hi (tJ) (i:n p nsn (Hi /1 tui

o cj cj h™ gt; ^

^rr» (Htj^ (ui (Hjjj (Ui (H^(Hi \ (Ktjj rui y (Kn^njj ajut arn w

^ Q O O '

ƒƒ \lt;ui (ui (hi\ 11 (3 ~tfs(uy ?\(3 asn ^ ^ ?

-ocr page 214-

/!(gt;■ OESPHKK MET EEN l'ANIIAKAW A\ EN EEN DISTKIKTSUO(IKI).

q a «- CT^

(ui (tJi (vm \ cu) njii qxjï lt;rm \n

y ivi I^JI 6 \ II OT lTlt; nj) ihn ^ -n

O O a

rry p (i/n (Kjjj v n \ tHm asn no oe/i cui oji (hojj \ fvgt;r) cui vp nut ?

a q o o a

a#: rui G -^amp;asn\ nut tun (ui ^ !un ht^ tn -ji (Kn ~ji ae? (hu \

o ^ lt;r-. sa quot; o o

M) arti (Hl nj) (Ui w o vi ct i asn ast) ft n oj) cu) (U) art) o rvj)

t ^ S ^ cv T

(V)) (ik (U) aj) ito (ik at) nj) a t) aw (S~\ f ) oji oki tij) an aj) 2 s s s

Q ^

(H) 2 (Hl 2 (Ht) O^t) (amp;1 ? OJ) OJ) ttn \ 6 ~amp;,!UU) (H) CEJ) O (fj) !t U) (amp;)

O CJ CJ ^ 1 ^ lico

(Kj CU) (U) (tO \\

a

ll\ iU) (hJ) itn \ n a^aj) w .—i dJt cut tjj ^ a/t) alt;i^ ~J) n)

«- a», o o o' a O;

(H) /) \ (H) O^) OK (U) (F/) '€J7 (Uil (Hl (Ht) (t UI (Kt) IK) (X) fl (Ht) Oit) (Ht)

lt;Ul ér 'h:K !lsK tJ! H

c Q OX

aj) üj) astjj aj) (un n v) \ (lj^cu) (Ej) (Tj (Ht) art) camp;i ~j) m rtj (ta ^?07 c^a^ac^- ~ quot; quot; quot;

--1(K) C-----

rut (Ht) (to art) ^ (LJ) om (Ht) (U) (LU) \ (HtJ^ (IK r3-JI m (U) G ^

OO 2 WJj r(U) (hJ) ttOJI \\

II \nstjj aj) oojj (3 ~amp;s(Kjj \ n w uo ok nlJl

dj (Tj om (tJ) tw) aiu) \ ast) (Si nn OJ) (hyj^ itu)\aj) (H^jj crt^ ^un chj

O a

(VJ) (to tutjj (Htjj (ï^ (£J) ^art) VJ) (UT) (Ht) (to £^(Ht^ (Htj aui ^/15W ^ \\

«, c ..

II \(IJ) (U) 00 \ n (EJt art) (3 ^astj^cu) cuj^G ^fka^)^lt;s~(3-üt

O quot;

ti a/t) 00 (Ht) vji astt tui (amp;) p w

^ h s

O

II \asn ciJt ttoji 6 ^ktro^ fl (*J) amjj w

^ a a a O

II \ CU) aj) 00 \ II (3 (U) \ Cij) OU) (HtUlJ) OJLD \ (lquot;J (tl/l ^

aj) (LJ) (Ujfj \ asti ast) ^ ajn 'tfl ^ '^J! ^

at^ cut ctoji w

II \ (to cuv) \ li cej) art ) \\

quot; O ^

II \ cut (tj) 00 \ II (fj) om lt;3 ~iï.(VJ) a/ti no (i~) cu^Ci N

-ocr page 215-

OESPKEK MKT BES PASI)AK.V\V AN ES EES IHSTKIKTS KUOEI). Hl

o o x

cryi (Mi (3 0',7 azi (V^ ramp;i w

Ijs rm vu) \ Ifcèi lt;m w

O

jj \(Ut (ui (ha \ jj (Wj no am (ho ^rrj camp;i x/u (nn ~amp;(Lm (ult;? (Hi (iL) (H^ (Ki fji asn (Hn (Hl (Ki (iJ^tHi ui (FJ) v^j) (h^(hi \\

Ot, O

))\(hn ium \ h (iamp; m cm (hn m (iamp; (H) odi nq (hn asn (U) im

H tl /' cf ( MM

C)

O _ O

(KÏJj rl:£JI N ^ ^ 6 ^ quot;^Jl NX

II \(tj) (ui (hn \ 11 ntj nn cm (hn ramp;7 mm (hn ~ïA.(ki

s o sOquot; o K^ni (H^(hn o^cejI (hm (ut mn (un \ oji (rj amp;/! ~j) (uui tui^

a

(ui (U) ui (hn (hu u) (hn asri (U) 01 (m ?\\

^ o cj (J h ,aso

Cl O

II \ (hn d/m \ 11 (iS7i am m cej (hn (Hn ij) (haa i^ (ut najj om

na na 't^Jj 6 ruu) ^ ^ 'r^JINN

o (hn (

asinm

II\(L,ï^ (U) (H1JI (3 ^k(H^\ IJ ^1 (lm (lamp; (hn (tU) (h^(3 ^amp;(H^

o a ^ cr^ o

^ «517 ^ «Jgt; Tï a^yi N 6 MJIj tsri (UY) (ha w

o •quot; Q«- ,

II \(ij) (ui (hn \ 11 ^ (uijj (Hiji (un (vii nu) (£ji na azi (3 ^

O O _ Cl

(vut (hn (EJi ^ cm vji ~£/k lt;s_ \ (3 ^.(Kjj rui (x^(sji rj asn ^ asn

c^-aoa- o

(VU ni (1511 (UI (1511 0711 (1511 (3 ^kdJUI (iJl Ui (UUI 2 5k/J^ r\N

o cr^

II \ (uy (UI (fOJI (3 ^fk(hc^\ II (l£? (UI (3 -ÜktUUl (FJl (EJl ^ cm WJI

O QC^cr^Q (3 ^(Ui p mi (hm (tJi (uui (ha va (it? (ri (tui na ?\

gt; cru 1 ivrO

cr^

II \ (ui (ui (ia \ 11 ^ j (f'jj (uij (hnjj (i5ri 6 'uui w

_ no O

H \ «3^ (ui (hojj (3 (ha\ 11 (Ui (Uj j Ti (H^ (uii (uui

^ 0511 ^ (Ui (Ui (hn \ as: 6 cru w ^ ani -n (uil asn un^ (Hl (ui

a o (Ui (ui (ia (ui (uui \\

lt;0 a o a .

II \ (UI (UI (Hl \ II (Vil UUI (Hl (FJ! (ha (UI (MUHllJI 6 ~amp;.(H^ \ (Hy

(') Aspirant kontmlcnr bij het Uiniu-iiliuidscli Bestuur.

-ocr page 216-

152 OKSrUKK MKT F.FAquot; l'.VN HAK A WAX EN F.F.N IITSTItTKTSHÜOFI).

Oi, o a a o

at? i-n tU) u» /K7 /ui ui fui/i om (ut (tJ) ttx/) (ui (ui n n tui n ccn

oji ru) nxj) (ui (hn a 7) (hi // een

Ol s

o

(W) \\

a

ani (Ki (vn ^ z/n iHTjj \ (t:n a it 'hu oji rvui \ fi/n (W], a~i m

Ij \asy^ (U) wji amp; li fho uu) \ cHij fLj] rr^ asn ^

o o o o c~~gt;

N njy] ^

O O ^

(isri 7 L? (uv) ivn tf i nji cvn \\

ê Ij cj s

II \ cyo ivut \ li (til nm \\

II \ my (U) (Hiji 6 ii dj) fui (hi \ (Hn rrj) vj m (Hti^

1'U^Jj 6 W r)Jï'tsr1 M W ^ rHri ^ nlJI (Hïl (UI (Yj (131

Q O ^ Q CT^

m (Hijj \ (Ujj mi r /vn oji (ui oji crn ^ (ui dpi oji dj) (hi \\

o a q„ a o

ll\ (UI (tJI (Hl \ Ch2J\ N ^ ^ ï 'KJJj KYI U) KXI \

a a - O «- x a

(Eji nrn r(U) aj) njj mn (Hi d/n 2 (um 2 cni cfji ^/inri (hi fi\ (vu vji (J ^ (quot;K lt;Ul

CT^ Q O Q«y

asn cm ru) (vw qji cfj) m \\

ZAMKXSPRAAK VAN TWEE (COMMISSIEHANDEL ÜKIJVENDE)

KOOP V J10U AVE N.

r Q

i3- n Kin uu uu \ li kxt mi ti ot i Kin isin mn mn gt; iüi m j i km ki kh

C9 J( II ) | \ \ cJl

a / . . a . a o o

f I IK \ KI 1111 kl ■) | lil 3 Ï1 l'lll K t.l'Kll IK aJl 2 IKI inn 111 KIN 11 I'M ( ) ( | Uil

M ) I ) I o» ggt;

a , o o o . a /O cgt;

M ~il 2 lïl O IKÏjj Uil KM quot;K^j (U.1 N O lïj'Uil ^(Uï! «^Itil ïïl^N C jikff-il 2 !Kll ,'11 O

M «lil :i Ij in 'Kljj

\ 3 -•(. f 1 l-l IK iH| \ 1 Ol 2 llrl (UI 2 dfj (ITUI 111 (15111 (Hl ^ \ (171 «I -Jl 2 Ij (UJI

CC)

in kikt) mn(Oil KiouaiiN iBinaJiKin uniinniKDm kidiLflii;n kid\ «sriibii

6gt; J J I cJ|

f O/- O O

/ i Q

gt; 3 - - - -- -

q o o a a

vinkti uu ü-am Ti Kin öj kioi2 nmm tii gt; \ mi ki 1 (uii2 tikm_ii mi 11 \

j 012 nm tj tin asm K^j (urn2ti'km-ji«jij

Kjjj im 2 iisin toi (Ki| -

tin KI jl am 2 asm n^n K n cJl

a o . a o

uj

Q

(l^ 1UI flSïl

l|\6^'J ÜTJI'IK ;J;J||1 \ II !fj| 1,11 Ax II CXJ J|

\6^f-nKWfiJinai|\ 1101 'öi \ nij iiiii i;n ün kiii isn fui 2 ^ dn

-ocr page 217-

ZAMENSI'R VAN TWEE (COMMISSI RH A N DEL DRIJVENDE) KOOPVROI WEN. 33

f Q O

| ö -A^ikïi tun nj \ j| 'irn i .■l i m am it i «jvt (yi i n ki

| \ 6 . M KI IK Hljj \ jj M (i -4- Kj^j 'KI if II 'l'iïl Ij Lïïl ^ OfUl 1711 K|j| 6

a ,/ a a

Kïj IfUt -N Kj O) 3 111 KI «Sïl (EU 111 Klj OfUl (l-^j ü JkOSIH \ OJ] aïl 'KI Kü Ij ÏIJI

!tll «j UITjT (Klljj W

f Q O .

||\OJ».(fniK¥i uii n| \ || kti 2 oi (cti| r\ ki nu ei am inji irii \ (Kin (ui

/

iKl U Ol HU 11 .111 9 Kit (11 KI 9 Kill fkjl \\

u\ ^ | \ (n,\

.........—...........- -■

O

\(3 _4. f !KM (IK (EJIjj \ || ïj !W1 IKÏI -Aajll Kil t| KI [ Kï) UI \ (10) Tin Tn (ISH)

O.J cJl II | I'lSl,)

V

(Kjjj Kn i nai iij \ an 31| in in 3 ij tTi o ij am o (w!kji| x

r a' ,0 ' /

II \U _ ? UKl I Uil !Uj| \ II KI U-AKjjj \ (UI Uj^l KI KVj LI I Kil lüj KI ?^Kll (KJ1

\6_^ frJi u i is 11 f] x 11 tn 3 u ion Kin «1 ki ; ikit ui kïi asin in .1.1 ui ^ C9 cJ| II ai |(bi,\ J )

r Q q cï c^ a

'3 ^ Kii un (M| \ jj i j o ij ui am on (^ kt| kïj iin ui 01 aun ^

6 . (n KI IK (B| \ I ÜT.1 \ 6-AO:I 3 6_-4.OI 3 IISÏI aiLnmn in IKI| KI ÓI

Q Q O . Q.O Q / O

Itj asm ^ Kïl Ol KI Ol KI bil on \ 301 Til I UI KKj a;Ul OJl 3 lïj 1.1 II 0^ ,U) OSin Kj I 1

Of f Q Q O Cl

iKin (CTj ö_4.rb|aj\ '3_uilt;u :w kh 2 ui kï| KOj ru 10 01 lui ,kïi tj im ui

cS . o a a

'Fj KI KI O L I Tj (UI KM itJI ^ KJl Uil OK ^

|j x^-uuysii uinieiij \ j| i^jj 6^an mj Kïj ktj oji 10 uj^i u,1 ki _4.n1 aj nn

s o cgt; o o o a

\ UKl (IK (HJj \ I Uil K^l \ Tj UUI Kl^ll KI IJl Lljj 1.1II ! | t| 1 ij ') |

Q

'KTi ^ % (f| ooi (Kin j| i sj 013 aai ki \ rj n n ^ hoi ii^ ui inn | ^

/- a /O ao o ^o

II \(3-4.M Kl l (Uil :KTJ| \ IJ '3 Kj^j Kïj Kïj IIII ITTl (IJl Uil 1 1 1 ^ (3_4 ^Mjj

ai

o nsïi,Kn a i (inn «ji nn tj n kïi jk 'Ki| aan ui i if n yui ^kïi _ 11 ia n an «ïj 6^4 fji 3 Kini) \ ièi an Kin (?i nn tJi» ui ik arTaai ki,i n an ki ai nn ? ;i nn ti \

«n ii \ (tn an Kin i,n nn tn»ui ik u; aa i kit \ an ki a i n n .lt; i nn a i c J( | ^ i w lt; ,| «3 J

o a c~v q c o-J ii aan inn a tn tj o i ^ \ nn t i nn 11 ,i aoi a:nn ^

\é-^^un (ik (fii| \ | 6^4 Mij oTk^mKi \ kïj ai nn o01 'ij \ 'nn ij

-ocr page 218-

34 ZAMF.NSPR VAN TWF.K (cOMMISSIEHANDEi. DIUJVF,M)F.) KOOPVROCWEN.

kïi Kt n I ill) 6 _4.ïi I i.i Kin till m 11 ki;i in-ni vn.n ui ! lil \((a

i'icj| J I quot;) ' SJ1

O Q Q

l,n 1.1 1 I II? Kïl M ! 1 KI KIN (UI3q I rorkl iKTI Oil IIOI nn Kin 1)^

\ IKTjj lij I ^ J Kl) c .|

, Q s O Q Q O

jjN6_4.f I KTI fUU (fJI ,| N jj KI N fj -4. It I U ! I CIl (UI O ^

j|N6-4.f-S wSquot;f 1j|N jj l.fl Si t'| iK1 O ^ Kï| injl ffj ÏSin ^Klïi' Uj^N Sïi w'

a Q. a KTi cj in no (wi (ui on tn y ^

n 6 -4. f I kit (un mn n n ki un 6St f 12 an kvi ? a n an m a;n ir; Kin Kin n\

II C.) J| || (-1 I quot;SO I

r O a. r a o

jj \'3-.4gt; KTi inn (eji| \ jjon ^n o ki^B-^tkui i| 1. lajiiism c^itJi ^ \ tit

Q a o

(MCfl^KI K| 11« Kini'CTI ;U ^KTj CJOJl ïj-KI OM N KTj lilt f I Msj Hlfim iKnJj

-Pl (L CTI Ij I ll^N Klji?n KI M M'l^j WMI'Klj| N 6-4.iarKl^ KlilVjllKI

Q Q ^

01) I i i 11 ? d i ik f I quot;I j t| in I ^

I n6-Agi kh inn M| n 16^^hi uu kij ni Kin km t 1 in 1 j m ij 1:16,4

aKITH1K.Km^fJI^^

n6-4.m MiS ri|N jj acijO Ki;vij| MM ki iCinfjoi ik n (M k^|^ a O . ^

'KI LI Tj vn lain 101 K| 1111 N KTI KT1 Tl gt;1 Kl Ki l Ljj X 11KII (bil 1,1 n.lj lilll KKj \6,4.; i KTKUII ; I1\ n ki n (Kin n nj tJi ki kn ki ki n n i gt; x

CQ

; 11 n jj Kl n (Kin KJ n I Kil Kl ^l^y-n ij ;in 1

14 IK !J| N | (Kin a Tl (Bin tbj K^jj \ 6-4. KKIOJ U JUKI J».

Kil f^1| IK KTj ,1011 IK (U 41 ( 'KTJ K4 3 ^

jj \ lt;3 -4 t.1 Kil Kil (H| N jj 6-si.Tl 'lSl.4 Mi Kinjj \ KT'I (LI K^ 11 !l K) Ij 1 11 6 -4.

o ■' 0 aa a . o Q O

(ÏTlJl Kl m 0511 ^ KT| Ol (UI KI 3-J1 KTl (UIH 'OJj (Kl 1 1 K|| m KTI Kl| N «1 (UI OJll

KI IK Kl tT|| quot;Pi 6 -4 Kil KTj tin •' I ^N (bin KI I 'I Ol Ol (UI ^ KTj tlII 'I il ^(IK ItJI TJ

'Ja 0

lïl lïTI ^N 6-dKlSVl Kl 141 un ïj (.1 Ol 'Klil K^ inil ïj ViTI MJI Tïïl Ol (UI iKl(M

O Q / Q G

Kin 'Uin iHI| 14 1'in KI KTl KI (3-.4.^Kl,l KIJ mil \(Ul| Kl 114 TTj 'Jj Kil -JKK11I

(UI (Ul^,

y e. c-oa

| \5-;4(fn I I(IKIHI| \ |K«jjiiail ! I ^lil 114 Ol (kl! Kj 4j Kil Kn. 1 :f )l Ij KI ^

-ocr page 219-

ZAMENSPH. VAN TWEE (COMMISSIquot;, 11 WHEL DU IJ V END E) KOOPVROUWEN. 35

( Q .Cgt; OO

(Ki \ (Lii hi i i o ji.ct ri «si) I \ i-i rni 01 _ii in iui 11 mi hïi oaniun kim

( .1 \ ) j J ^

o o cr^ Q /Ci

ïiunrifijN (WfkJi xj o iKin 'M KTI (3 JWKII IOI tfJi ? 01 \ Ö^TI KIJ nu

Q / O .

MUlOdK Ki l KI 2 i:tI! 3 1711| I ïj (Kil (UI UJl W ^(KH 3 (IDH 3 vKTj nil ÏJI ^ I I

(üm kïi aj|irui kii bi ïj \ (Kin «k on i;ui •» ,j iku rit mi i^iun tj (ui (Kin «ij nnji ■„

o o a o ^

ilt;]l '«1 imi gt;«.') ïj m 'Mi (ui 'Ki jïi (ïj (ui m (anaai ifn «j (t-n ^ki mui asi| k-ioioa

, O „ „ /_____Q . f Q .o

' 01 !KI (3jftOSÜ-------------

n OJl rn IJ1 'U ? 111 quot;Kil f.1 m KI KI (3JKISTI O (UI (UI (Kil IHI Kin 1-.I (1 \ Iin (KI ^4,

I I i ^3(i Qf cJ| J

II rn KTj ;i jj t i ui ^

/■ Q Q Os

I \ (3^4. f n (Kin (urn f i ii \ n (trn kïi rui .11 ui nan osn w n-n (ki i ikci rnn 6 ^ aj

^ y KKin (um fj| \ jj f i 'ij kij rui ui ij nan asnn w (ki i^j kii i;ij ü-^aji

Q a a ' a

'KtI (Ui K^irui ij i:n ïj inn yuin ki iïj ki ^oi \ «i» rui lum inn nnn ui

iiru _nn an (ui i i \ isiJj nj nAji^m u ytai 111 kim ui^

jj K'UI uT iUI| \ 6-^.^lr(3^ll1 OïjOKjOOI^IEJjlIj (Kl^

Q a/ i Q Q Q O O Q

an Kin ki \ (KJI n isij u | e;i 3 o arm am ^(uin «k \ ny n 11 gt; :i ui on (M

Q cv' s f ' , 00 .

'.ui 'inn v (ui kii t| «sïi ^03.1.1 ö^uijui K| kj| ki ;Bin ki \ o_Am 111 ij

a o

ïj ism ^ ik (kii dan ioi Kij ij on c, 1, in uj isinjj

jj kii (uin :ui| ^ jj 11 ^ isi^ {n 3 iKinj mui arm inr^j ó-A'u

/ ^ a a

«j o tj ■ui ïj kti ^ Kin uj inn Kiij nn rui Kin \(K[| «nn (ui uj kii| ij aoi 'ij (n lij ^

a o . cgt;

(iriJi o (W u ikJi o kïi mn ie; o Kin aan m o ami (ki j ^ n n 1 f 1 111 i-ïi ti 01 ^ cJl J ( cJl J ) (HL,

Q CV /

(Kl| U) :EI| 2 Klij Llil \ ! II (ïj (Kin U) (ïj 111 ttjll lij (UI n_1 IK 11 (KI (UI 'IJ ïj (ISïl ^ V1J1 H'.ll

To o ^ ü. q

(Knil Kin Kil IK ! ID Hl (IJl KI (UI f 'Kil (3-^,? KI Kil (3-4.i.il2 Kïlil (KI O ï'lll (KI KÏI

cJ| 'gt; •Kuai\ ■fl ) Csi cJ( ÏSÏ,

llxll Ol Tl 'Kin 6^.0 2 (Km (1

/O O rO f O O

vj^u kui ir; (Uij| \ jj ö-AK^j \ ö-^ajui ki ieh ^«j ti kiij Kj 'ij asin 'Ki|

Q . / O Q Q Cl

(U) iii 3 'ui ï| ki \ ibti (Lu ;mi tui 0-- iiiji «Kitii 3 ui tin .ui ui lïj quot;i i^ajiiKin

o er- a a

(ïj 'imi Kil lil KI (lïlll (IJl (3_4.K1IU _|| lij kl a LI ilK iMlIjKin 101 KI (UlikH lt;K1|1 \

O O Q O /* Q O

.injKBi ki ju ki (Ji uiairut ii ki t^Aui ik n i uin s asnnasin i ui ui i.u nu uk 11. 'i,kt) agt; J| J ) ki)

c*

-ocr page 220-

■m-ïjx ó-jitjikintuin ut|\ (k^iinjii^ tit™aa|aji^(k!i

jj\6_ao kii (iYn ;U| \ I (Ki 'iai I?; id un ö^ibn tj iui ^ ot as^ ^

ii,i(k.n ok (en[i \ ii■ wi 3 in (a ki ^

(I CX) cJl (I ^ at

|j\6^n kti uu nj| \ jb^y kin|\ rj«it^njokfj wt3 vi(in(ki| \

q o /- ( o /oo/

on i 16^4.111 'kj nanoinnn injt| \ (idon(mri^j öji.iilii mi ö^kih ijfij^

/ O r ^

t ki i?; hi \ jj O-Aaiut K|art (kj ot m nn ^ \if| uiKtt^\!rj n^i ki

Q Cl Cgt; . Q

(KD-njKiKtJi^oidn ei! i in ^oiiin ot \ ; d 3 ui m «1 (u nj nun ^ a nn fKi| ^

, ' n o ^ qooo . q c o

ll\(3 -kitn kti lilt f in \ |1 (KinKlltllK (Kill qj».Tfn(UllHlt;ll01(Kn(Ut(01 oct

(i c9 jl (i 41 lt;4 ^

(ki ^ xklj ! t nil ik in (ul (u1| 6 _4.!tl 3 klljj \ klj n (t (kit 0^(q 3 o ol n\6^.Ti(KitSquot;o|\ I \ r),! jfuintiiij on^^.

T VFELGESPliEK MET EEN ONDERDISTKIKTSHOÜFD EN EEN

BEDIENDE.

f q q . o o q q

|\6_a inn \ jj (Ktji nn am (kii| \ (aj Kin o a do o iu| i n nd d..i «01

quot; cj 1

jj \ v-tj ui Kij| ^4.1^ \ i id nnji w tnn aim(kji 2 anj ij nsin ^iuj mi arj aim ^

f it KiodJi ^

, a o ^

|\q^nji\ jj (k| tjj vvj ktjj ol (uut

I nKin ki ki 1 \ 11 ki kifi 1?; innnn 'Kin x ^-Jt-ant in in iki 'i 1 bud vt| (td

'

(Kin (td nn (kji aan u -_i an kij ^

lajin (in kl,

r q q ao

\a:ï| ui iidj| !3_st.-K| \ jj(KJiafl(KTinaj|(Hin^(Kin(uiaan v

\ tai (Kit iki ii \ o !rn aan ^

a cr^ '1 a.

n \asn ,mi 'id| (3^(k| \ 1 d-4.inn v kl j 3 aai 3 asin 3 (id \ih (tj n an n a mi(ij

quot; / ' / o /a

,i it \ (fj tit ki (tfj nd in 3 kïiji \ nanajj^\ 11 j an ij i t \ anj'tj rjasm

o q i o q o

l-y V ICTI til a 111 ïj (ld KKfd asrvj Td KI (15^ Ul ad Id OJUI ^

lAMKNSI'R. VAN TWEE (COMMISSIEHANDEL DKIJVK.NDE) KOOPVROUWEN.

/o z-oo f q ______ ______,q

!ct!1 ojl i '1,1 n\

....../o .

o a (iiut Kit ki ki an .f ^

.......

-ocr page 221-

TAKKI.GKSPllKK MKT EKN ONDKKDIS'l KIKTSllOOFIgt; EN KKN BEDIENDE. ^7

f O V3_Ai:i)l \ || (Hl

| \isi^ofifljjv |iuioiiiiTilntjitoia^»iiiot|soionitiKtij \ njiMinann «ia (KI lt;2- o TH asïi ,ü ^

CCl / J

\(Ka IEJI a5ïi| \ (i iJJi iiriri

ij v vxj o (Ki 16-^1^ \ jj (Kin (isn a an^ k^ kvi ar) i:ui \ •)! i ntj (ui ^-jI

O V O O

(isïij ;kji i j ö-4.iiui o (u iinn -Ji (ui nj xk

s Cl . Q. . O

jp (Wl fJI .ISÏ1| \ | !kj t| DIJ (KI j| '3_-4.:iJin (UI (IJl (Kljj \ 111 (Cl if i| (t| Kill Ol X01

/

Q / z' Q —

ui a jii i ïi \ i m i (kji o quot;VN

J «3

1 \(™ o K1| ^ KJ \ jj!j Hl ^ic) tTi o (Uïi \ tij ieji (ijui (ki^ n

(151't gt;'k:i Ol (KI ^

a o q. oo et

1 \ kt ibi i,ii| n j| if; i,i|« Tii a (Ui (UÏ1 (M -4,!tj ai! ^(kïi c^a^i 94 -4.1-ci -Ji 001

ik10 ^

:U) (ktj| 6^1^ \ I (101 lil \quot;l Kl^ (UI ï| im. I (ki| \ IH OlTIl Tl (t| iCI ^Utll

/

ci uin(Kil 3 mi -.IÏI imi^

1 nsoi itJi oi| \ 1 (Ui iin ^

I \istj LH II11| 6-1. lij \ I-lilm Kï| tin (UI ^ irvi m (Kil 2 n| k^ i'i u| am ^ki^x jj VIOI ! :l [rajj \ 1 6^4.0 \ \^\ JI-TI IJl 3 UI ^ I Tl quot;XKUl 1^1 3 IK1| 6-A(M (1VI| W

II \ CT| IJ] Kl|6_-4.1^\ I U linnil|M KUUI Il'illj| \ 01 uTi O I I^UjlUI^N

, o- /■ c\ o / ^ao

(Kil KI Kin Ü-sl-Kl 10 I5_»t,i:ri \ .15ÏI kil ( | 11 ini (tl CTl Mijl IKin it, I (11 I

4l()V),i9, lt;2^.1 /( I cJ(

O ' O O

(Kin Kin \ an tii kvi-kïi ajiasm kiji ^

Jl I CJ ' ^ Jl

r n \'3_4.iail\ II (fj| I M ^

, O O O .

jj vun 13i 1U| ti-AKj \ || (KI (Uil oi a it i ï| a i iki j (tj isin yta n^iorin a:ri n ijj

o o / cgt; f cgt;

(tin lfl| (Uin KI II Ö^ l I ^KTJ ! |(ï|r.l^\ l^'j3 KVI 3 OTIOI (ïj (UI :ui 3 (3J|.fK| (l-il

uïi asv^i ^

-ocr page 222-

TAFKLOF.SPR F.K M F/I EFN ON DEKDISTRIKTSIIOOFI) FN EKN BKIM FNDF.

r Q

| XÜ-A l'UI \ 11 U TO

I \ OJI \ jj fk| tj nnj iKTjj Xj u i; I fji \ ftj n yu 1 ti mi (ij ^ \

Q . O

t] f I KI M (UI in 3 W 2 KVl «KI O KI 1:1 'til ^ ( iTSL, (Ki,(Kl, J f

lKt,(KV, /(KL,

jj M ï| UI M | '■■ .4. hj \ jj £i| (t| Islil (BToi f ,1 ^ \ ikJI (ïj fJl (ïj n ^ (UI fKi| (U| (lil |

cgt; Q O O O1^ / O

Kïl Kljj Klj J 1 l| UI ^Klj iljJ UI (UI ■). I KVl ^(UU) 1:111 \ UJI Ki l (ISÏ^j Ö-JUISVI lUl (Uil

O /- Cgt; f * Cl

Kl\ Cl LM (UI Tl i-.-t.UL1 UI 'HU J. JI.CTI Hf] ! il HQ Tf | Tj (IJl (KJI 3 (til (KI (HUI (1

^ \ S I I ( 'ÏJ cJ|

r Q * q o a o

\ )^,kui n j| 11 m \ ifcü dj) (Ki aan fit —(i ((Kin mi —n n-ji (ki o (ui ssin ed urm mi

O J :l Tl (KI i] ^

tui (i^i ïiji n ? Kin ui -Ji ;io ki I r

SCJ ' cj| ai ao,™

?jr

f . o

jj n i ij ui ki | . K| \ jj i} it am \ t uij (ui (KutJi ostij \(cti an l i i o Kinn

O Q O / OO c ^ 0

■ïj f 1 ^ n KI ^ ui TJl !K1| (UI (UI (Uil (IK uil UI !Uil 1511 ffiJl (ïj (Kill (til lïj (KI Tiin ^

j|\ui f ilïin j\ nièiaiin^ ui ti^^^(ki'^jiS (kkkiuh(K|t^iisiiiki

,Q ______________ ' /

----------------1

Q

(ISÏl Ttl T j l ïl il -v\

Ui l I ÏJ UI LIJ r(l KI UI Kll dJlOil (Hl Kil IKlj| MUI l Al O 6_A(15J1 'KI ^ \ dfl

in 3 inii n Kii ti t) i n \ fun (U uri ki (ui (tJi an ki ann o w

Z UJ I 1 'i. |iU J|

|J m ij lh Ki|Siflgt;K| \ jj^Ti n^Tn (tJi (ïj iisin in^aa i lui Kj fot.uu w \ kn !ji uiTj \ || an ujj 11 am 3 ui m.ui ^ ij (u 6_^quot;i «u mi cnj ti (Kj (ui

rTJi

|j \ iuj ui ofl| uuujN jj Km (M (Kijj \ (KiiainoyciniMaTjioi c^riJiTioi

Kin Lil CTI \ ^ LT'l IJ Tl Tl Tl (UI UI ifJl aTl il i;irl KI X (BI Iflfl TI (Ifl (UI K1 Uil 1 I 6^ cl til. (J

O / 0.0

«sn 1 1 f j aquot;! inn ïj a:an Kinjj \ on ki n (u asin ij ^

|J MO U 1T1 ,| N jj UI 11'I 'W n t'i fLj Ul^'Ul ^ 6-4,Tl 1^|| UUI KI ^-kTj Hj 'l il

afj 01 tj Kin ^aJin r^uTui ^101 11 on uli ^

f C\ * r

jj \i5X| ,uiki| i-4.K| n || ijj 111 ^isi rui ki ui ao a:ij \x?t\ 11 an ao 'sj asn m hmi

OO CTquot; Q

1 1 1 fin 3 mi 111 Kin k|ki in loj aoj gt; ik in 111 j ^t'i un aui oi oj ki\

-ocr page 223-

TAKELCJ KSl'U KK MKT KEN ON DKll DISTIl IKTSHOOFH l,N KKN BEUIENDE. 3'.l

O

(IST1 OSlj !EJ1 2 UI (lOJj IK1 ? ^

a o a

|| «, , . «n| - IM O,™ . 1KTJ «..5 «I

I'quot;ju ^u':iv r1 n 11 'iquot;ov'j ^gt;oy'a,y ■ '') -

•\(KH ;EJIasïT| \ ij uin^

C , / o ro Ci/

jj \rr| o !K)| i-A'KJ \ I ) 1 ïj (1 K1 f-Jt KTI| U (kil IK HI Kl l_j Ol -

|| VM '{ 1 15111 N j| I j f j Ulj Klj| (Uïl w ^

(7gt;v

ii \ un i;i Ki j) CIaki \ n :u 111 \ 11 an ri ki u i vi i \isn i i n nn 3 ti i'i

I J 4 J \\ ( ^ Jl I

a

m ^

\wi 'fJi (isrij| \ n f ii rn ^

/ , i a a o a

MJtj 131 iKI| 6_4.'Kj \ jj i^iirui lt;^111113 I'll Kl 1 I 1 !L1 I iKll KI | M| M KM

O

KM !U1 1 M (Kin

UI I 11 (Kl 1 dS^cJl

r a

N'JJWUI \ ! 1 1 1 1 -ix

\!kï| sa iki| (Ld^kp || f ji irrnr|(i ki i iiiij i,i uin ) 13 (km

Jl

V101 f 1 15Ï11 \ 11 ! I 111 ^

Q ^ Q „ ^ ^

\ I

IJ ül Kl|':-4.Kj\ I.4.01 1M I I Tj Kl 111 (IK Klllfj (1 KM KM U Kl !

II

cJl

■) 1 (II lK'1 KI f I ilSMjl ^

lt;Jl

; I in \ KM I M KM KM 11 I II 1 1 KI f I 3 1 KM ' quot;

J J s a ^Tl I ^

a a cx a o a cgt; o q a

Nloi f ii I,Mi N ii IK(M m i KI ?am KM I M KM KI KI.I KI (.ri I 3 MI I I J I

Jl II '■'gt; ^i quot;-cJl

s a a' a. o ev o o a a.

11 (Kl 111 J ^4. Kill \ in I'.l K1 } 1 quot;11 1 111 Kl on I I 1.1 n 1,11 IK \ U2 KM Kl ) I

I UÏL, C ll ^ «3 1 1. 1 / •

O O Cl

km 111 lt;r_ (i5ïi (Ki 'Kin I 11 rnn in i 11 ^

) i ..\ (Hl^cJl ■' J|

s Cl Cl O Cl . O

|| \ i'aj ui ki ji G_4.kj \ I noi nnn km j \ i i m t i m i n i n i u \kï| i n i in an iniKKKIH^

(K1_(K1, c )

. c?v , o/o

NUl (EJt (CTjl n |Hn:llN ||nj^ KM IK mj m Kl Ygt;— trlJ|K^ KM Ol

C-v ,,00 O. O

iü ki i I inn inn \ in ! i i ni ki i i -.-4.) i i i kki \ n.rfn Ki n f i n.n i ;1 quot; i, Jl -j( ) Jl ^ cJ| J KJ) ^

o c O o-

1 Ï1 Til Kl! I M \ isn KÏ] KM KM H I 11 '11 W gt; I 3 tllSll

(Ut

-ocr page 224-

40 TAFKLGKSFREK MKT KKN ONDKBDISÏKIKÏSHOOKT) EN EKN BEDIENDE.

( • Q O .

| \ l Ij O (Ut | \ | (til TH 1' I Ij 1(01 (Hl (fcJI KTIj| C, 951.1 KI I Ol (KI K)j

o ^ 4-1 ' '

I'l l n 1,1 bil Kil ^

«SU cJ|

Q Q O Q O

jj \ i-:i f I l ll j \ | LD 11 I X\Ol XIL1 U ^KTI (tj JSÏ] y.U ^ (ISIH (Klil 1U 1Mj| (KjI

. / q t oct^ r c\ q.

M »-411.1 ifJI Kil (Kljj N (bi (Ij fJJI (Bn (M (UI \ 1 KT| T1 Ol (ïj TH (1511 i (171

Q a O O O O O OO

0 O 1511 -JkttJÏI IK \ 111 ï) (101 KI (KJ1 (Uil 1KI (LI -J1 (K) (1 Ol fUUl \ OH Kil 11 (Uil Hl

) ( Cj cj| ^ J| «SU

o o f a o ^ Q.

ui (isn an Ki s^iki tu 01 \ gt;™ iri (oi(kj (ktij| 'ctiio| kvij iü (l:i uj ui

q ' a o c o ^

(tn dj .tïij| \ (kii (ui 3 ïj o (uii m jsïi kïj u i im 011 rn uu 01 n ikj ilji| ^

jjMFÏj o Kljj Kj \ | KllIK ^(h^ O (OT(KTn ^6^0 2 (Kl| \ Sll^%Jl

Cv O O (LI 1511 1711 a (UI ^

Q O a

| mo in oi^j \ || ^,(U10S1 a,l-I| x m on l i (um M onn g ^ (Kt x

r O a

M51J U] (Kljj \ | IJj O O ia (1 ;k1| T| (UI 1(1 II dj aJ1 Tl (Hïljj ^

OCTV CTv/ . Q Q. Q Q Cgt;

MO (tl Ol | \ jj 1.1 ((01 (KI (Kn (LI 'Cl rj 1410 (KÏ1 KIJ \fKl 'Cl w (KI (k'l (Kil 111,1

tTlKI ?(K1^,

|j \xaj (ji 'Ki j \ jj (Ui au 1.1 tj ((01 (Ki (Bi (i50| 101 ajin as 'ij kvi| ^

O ^ O-

|j MO tl teVI | \ jj fJl an ^ 01 (UUl 'U ? ^ KklK ij KTI 'tl ij 01X

jj \ lij o (Kijj ri__A(K| \ jj kij nn rui ^ 01 «01 Kij 6^aji a'ujj n. i do 'ki 6_^,i,ii

O , , o/ Q O

U rj UI 'KI vlt; Tj Kl ]| 'i^-IO LrlJljj '3_d,(K|KI \ (KH 1,1 1,11 (ie; 'i j 'Klljj (lflt; (U|J

c CT^O O QO

01 (IK (IK Tl Kil (101 (UUl \ (KT) (til Oill f) Ol (101 (KI ^

,L^ 'cj J I

0 o a o

|] MO ; 1 taii) x li ei ui tii c^iki ik Tj(Kii (tju ion \iKin imi ion o(t.Kkinio«i IJ cJ( IU lU) 1 ^ c l| a, J rf-f cj| •'

O ^ QO O ao Q .0

01 «.1 Wil n'3_^.t;i ik ïi kh (v'i (uui \ Kin riiioi kiïi w iud w i tkh ki uuin x

n d 2U' y d 11 'l cj 4

KI 1 ISlj XJ1 Ol t] |(JJ ^iUll ^u4.xl\ I rj fHTj IH ) j 'KVI j| (l^ (Lljj

f a ^ /

oi\ '3 -4. f i (kiij| (ki 01 r|_cjk i| \x

/ a a

Miin (1 kiD (3^4 ki \ ioi ki !ki oi on! 1 ajin (ki 'ti ini kvi (isin ^ J lt;J| J 13 I (KL, J

O q Q Q. Q

jj \(wi to li^jj \ 1 kij tit myoi Kin tinn tn^iKiouKinoio

-ocr page 225-

TAFKUiKSI'KKK MET RKN ONDKRIHSTKIKTSIK Htm KN KEN BEDIENDE. 41

O O » O QO Q QO

Kiii in 'Ki ? \'f Ji on gt; as ti mi ki ü) tia'ii \ i;i tui 11 m oji mi l lai i i in tn ? .

J ^ ^ ' A I / cj ^

. a

I ,I i i ïj i^an MI itjj Lj a

/ / O

|j \mjo ki|j 'i^AKj \ || uiunti«jfioi w f ,i isïi| 'u*hitmai ir; )j ïjkvi rv\

( %. f O t, O

ïj .üi Kijj j^ k| \ | eji 111 ^30ï (KUi üj mil ^ n *). i r.i n i

r

|pMU™|x J

| \(ISÏ| O (W| \ 1 'i-^irilj \ (KI 1 !} I ïj f I KI 'kj ïj hïj \(lS I 11 lt;p

asïijj (Kin o SniHiii (Kiijj ^

/■ Q v

\f3^ariJi \ li o an ^

j| \m xii (isTn| \ |j (cti Ein o w ?^n 3 ikti 3 .jkoi kii f i 1 i i kh !iii| ^ ■\(i5in(Ki\ 11 hJi n ri a

r.. r ^ o o

jj \(Klj O 'IU| totviKj^ \ Ij '{JUdl (isl ■) 1 ïj (UI (KUU (Eïljj \ t l m 111 Tl MUI (UIII2

O Cl Q Q QO/ /O

(Winiuai IT^KIKJ 'UUIO lTliKlVt.quot;ia-lJ1.T|l-;TI^ KI^j KI-1 Kin I )_4. Klp*

O Q Q a 00 ' ^

\toi (tn (Gin o \ li ki i£Ji u as fki! 1 ti 1 an «01 (uin 'ki a \ -ki f 1 ui) kt a u^aa 1

! nil an 1101 aai t i a \ ki i 1 l u ki a

»3 cJ| J' I J J|

! ^ tl O O „

!M 1lt;1| '3-:4.U| OJI 01 ITjll Kil 1^1 Kl|^, fa KI Cl (CT1 Tl'! 1 KI ÏJ M

O

______ ji Kan nnn an alt;i «i ti i asan \ (ka 0.1 (ki «n u onn a

(tol p (gn 0 :i wn aTj an wm KiasïiN un otwkiej u onn 01 a a 1 (ka aq \ kïj

Q/ /

a J1 KI \ Klj (kJl KI \ IT II 3 (LI 3 KI ^

q a o a

jj \asT| ,1 1 (Ki|'u Kj \ jjiJi kitlaaji kj | quot; T| ' i f 1 1 n an ki m.tj ti asii \

Os. C

(ïj T. 1 Kin 'ï-ATn 3 KI I ! 1 KI

O O Q Q. O Q

11 \ 101 f i a ai a \ 11 n ü am ki ji oji q am 011 a ki no m ti \ no a 11 Kin sikikh i

(I c'il II J( I 6. M) ii, ?j

a. ci t q a a

■gt;01 n kti » t.itj oji no x-tj 11 j Kaij mj u j a 1110 n(U 10 \ ui j-Aki

■ ' . ' o ' ,0 a . Qv

iuj_aa an «j ao (Kijj (ïj tt am ~Ji ki^^n alt;j 1 ij hvi ki _a,i.i i kii ki \ ki nam

. a o a

oiui 10 (isï| -ui -jI am 10^1 ki 1 «j vi am \ i.j 0.1 a, 1 o_i on Kin 10 ^ am am an ti

\mj o ki ii :_4.K| \ ii-til li i 's^fisv) ? m ïdi «i Kiii?iriquot;):i r.i nijiKnc^ (fcJl^Ji^

\'kl ffJl (15111H N II (tÜ i n x\

s / O Q

( gt; ■ fi nj~\ x n '■7 .n in (i v in » ï ;€ 11 m • i .rri i « ti ir\n rtr- s' ii- t i ^

-ocr page 226-

42 TAFKLOBSPBKK V AN r.KN ONHF.K lirsTRI K l'SIIO'il'D RN KKN HEDIKNDE.

QO

lïll 10 ^KI (Kl| CTI Kl^ lOJj X\

( O

I \ nj n i^ij !_^Kj \ 1 mi tir ( i i i kvj tn am un kii ij 'in imi (ïj imi ?

T

ci .

jj \KT i 1 üTt Ij \ jj 1] 1 I M M n I ! 'I 10 ^111 til ^11 ■) I Uljj \C-S m KT1 Ij 111 M

Of / o o , o a Q Q.

,n KI Kil Cl l 1 II KI (1 !_-4..in W Tl 3 10 3 { 1 J 3 Kil 1.1 i 1 quot;) I Nv

{jV i cj( lt;S-i

, O / Q r ó Cl Q

|| \ lAJ J 1 10 | !_4.K| \ | bil i-JUI I (M l 1 (Uil 2 M| W 'i_Ali;i \ lOj (M !K1

Q O 10 Ki l f(0 111 ^

r Q

inj^iihn li 'til ain

f:

xoi\ ti ) 1 Kiifunn KTi(bi nq 10 10»\ oifMioi ion 1 10'i-sWMkt)oji

CJ I Iquot;. Jl ^ }^ cj\ Qh )

Q

til to in M io (tl (isn I \ ;q m »(ui 3 (un 3 ^

o o a o

\asi!|ni0j| '.-4.kj\ || kij ki \ ni umiïj to ki ! noijj i i r.i^irjTi a ^

KI

Cv

ij Ki ^oi .ui ioi o| ftji Ti ii| m io .ti (bTijj \ ic) m

Q/

\KÏJ 10 \ 11 f 1 111 ^

a a a. a a o

MO f ,1 nIn % II IK 11 ) ITI 10 11 I Kil 2 K'l f 1 ? (1511 'im m TH (l il 3 10 (KI ! I

c-l l( n. d ^ I ^(Kl,

~ - - - Q f

Mil i-4.

i] oo (isïi kïi Kjto ij (KiMij \ li tj tn »im 'l;i:i 1,1 ij 101 in \ Kj 'M i

O / a ' o

UI Kt Klj 11 UI (M Knn f 1 ~1 Tl 10| til Ij Kj VIJ KI ^Ull 1 IJ \ IH'I 10

Q Q Q.O ' cgt;

1KM tH Tl lil kili) I lUljl^

n.) c cJl

|j M Ij 1 1 Kl| 3-4.KJ \ |j Ij vi l 10j| 'i,4.fI!Ul 10 Kil U) 1011 tl ^tl 2 O ïj 10 1

f Q Q

1.1 M ^ ,-(.•) | 10 M KI 10 M 11 KI ? C- rk 1 10 W (UI Hl Tl (Klfl (KI '! I 1 1

I 1 quot;j n'A '[i I ( Od^ '

mo (tl i ïij \ |j ij u | ui in to i^uj 10 jj-ooi w nu ^

/■ ' - ' f Q

\ rij 11 Ki j| ; -4. KJ \ I n Ti fti 10 ':_ooo ui 10 (io ki ij 111 ^

V ' - 00 o f

MO f 1 I 11 I \ ||'i_4.KI l'Ktjl UjTI (10(111 UlKKIsli] \ (3_4.1-il KTI^dJI Hl || (1 TO (til 111 lO l X

OO/ O O

UI Kl| (1-4.KJ \ Ij KI 1 JUTI Tj UI M 11 Igt;VIjj Uil 10 IO(K1101 10(| (KT

O

10 n Ji ti r.ïi w

a

io u ri Kil KI ^

-ocr page 227-

T A F B Ui ES P H EK VAN KKX ON I) EK DISTK IK'1 NllOOFI) KN EEN BEDIENDE. 13

O O Q Q. Q

j| MUI (EJl BVI j| \ |j (Uil w \ (Kj| itil (UI im 'I. I I \ 3 M l tj ? Kll kl Klil

Q .

'U4. n (uij| w r) aji o Kin ik iui ki _jïi 3 (uui 3 kï) i:] t ,10 \ (Hi tiii 01

a a a /

1 1 :i 1

jm

(L \ ik -ui rtinn 'til gt; in na m i ;m

1 I Cquot;1

O Cl O

j| CT

jj Mitj O lvlj| l-ftHlJj \ || (UÏ1 :K| \ Hï| ru ! II ^ (ISÏ1 XI ISlj KBj «| (UH %j 01

c V 0 Q ^ r a

li vv I ) ui 11 m f 1 i;in ii n mi ui gt; I iy\hiiaAi,ii:) 1 a au 21 ijl ^

I cJi I ö) ^ ' c-l

Cv Q. /

jj vKii (tn asïi| \ 1 ijj Fj mij i^| \ m aji i!| «o (Hï^j 11 (ism w 1 1 in (bi ki \ in

O '/lt;^0 . Q.

tj 01 ik Km r|'iw ^i|'j^iinjk^-n kïi ir| 11 O! \ nj m a ju ip 1:1 n ^ ik

a s r o

no ö-d-tui ijTJ| ö-Aaji (bi ~ji I0j| w

GESPREK MET EEN BEDIENDE, EEN SCHOENMAKER EN EEN BODE VAN EEN REGENT (MEI' DEN TITEL VAN

PANGERAN).

t Q Q .

I \1ST| UI 'Kil (3^,(Kj \ 1 ï| UI (IK (UI Kj l.'I II (IJl f I ÏO (ISO (Kill O OJUI ^

a ci o o-

(Kin :ui 'ü 1 jsm ui m Kin ai isin ki o ^

(j ) quot;■4

O Cl Cl Q Q. . .

I \(k)l (to (IOJ| \ 1 IK 10 f VII Kil ÏJ 'lO.lILI I Ij Kil (KJl (U| IClj tl teil HU Mij 3

/ ' ' / Ó O

Kin 3 (ton (iin ui isi oti ki -^(un i in \ '3^4.1 o ki ui 10 - no ki 3no,1 w (KL, ) tin ) I u L j(

a o

Q Q O OO

f . ut ^

1 \ tij O 10|| '3 Jk K| \ |j l ïj iKKï (kil (UI Ïlj Tj Kil yiun (0 HUI Kl| ! I ,lj M ? \\

f ' 0 - ~ | \i5^ o (io| \ |j (M ki (Kin (io uji \ (kn (ui 1 ij ïj icti ^(k-i 2101^ isn ki

Q Q O Cl O c/

io '(o 1^11 \ (Ui (tj ki ^ Lij 11 j iju i;ii (ui iKi ? 'i;ii tj m uk a i Kj 11110 m ; 1 ^

a o

jj \(k)l (to 'Mj| \ I (EJl (1TI X

s Cl O , .

|| Nbij ui ki| ö_ Kj \ jj ! itj ki 1,11 Kij|(kii(un nj-Mdji io ( ibin Kin

a o a

1(1 H Kljl Ifl KI -Jl 2 tj ,10 \ (Kïl :KÏ) -ATVM UI .UI «j KI?(ISII3 1113111 t.j lilllll

lt;jv O O Q

'ï:,1 £- IK tl (Ulll ^ 1 I n \ l ! 1 KI ( 1 111 tl UI quot;xN

an | Jl 1 ' I

o a . a a a a

jpbïj Kim ui tij \ j|i,inii ki !Ki|f(i^ooan(i Ki|\r):ii idiK'kKrn ro

o a a o- o

ij ion a 11 uj| !j in ioj 11 to ui ki ^ irn rui an ^.ui 3 tj ui i.ij ^ ki i lux

-ocr page 228-

(iKSl'KEK MKT KKN KKDIhNDK, ENZ.

Q Q Q O / O/ Q O/

c:i oji ki n (ji lih iriü 01 ,uui m i i n n w tn ti 'ki 11 \ tut (u ifiin o (KjI ö-^i, J h ^ ) mi cJ| fisu

t Q. O O f Q /

ooi iri Ki 1:1 kïi um (isïi iq ki cl. \;m ili ki itaim ÖJkon tu jji j ui i^i.^ji iki 3

K ■gt; o ) '' s (J Jtn

OQQ. . 0000 QO

I ! 1 Til IKÏ1 asït Tl (IK KÏI (KJt IHïl ISIH r '

1-IJ Tl

IK 3 IK kI.! 1quot;) I KÏI ï.ïl •)_ I ae; KÏI 'M 1H11 Ibï] Ul.l ISÏI jt-H ^(Klil W1 M (U !KJ1 1VI| 'O OO Q O „ „ Q

lt;i 3 Kil 11 LI kl 10 1.1 KÏI KI i) \;KÏ1 Tl -KI 'KI JWM 3 q UI KÏI KI 3 3J| O KÏI LUI

KI, (KL, cJl | quot;SU O J

O Q O O O.

KÏI 11 I Kï| 1,1 ^ Uil 1^ KI \ (IK lUl IK (kil ^TI (Cl HJ (lij Lij !Uj KU (IK 3 Ol

O O / O . Q. O

\i:j 'UI ÏUI (BI I»1 ^ Ij UJ KI 3 (IK 3 Itl 'tj Ï KUI VAJ (L^ ^(UI lrIn M -H 3 (KjO ^

, o ' Q „ '

| \U1J UI l^| '3_^1^ V |j (ism Kil -stTl KUU Uj^BI 3 ü KI (Tj KI ^Ol 3 Uil 3

n

(Km ifioi t ^

O O O O»

vl ïj Kil kl UI I^j \| (U) UI (tJl IK (M (tl TI Ol 3 am 3 KÏI all (Cl Tl Kljj \t!J

O » ^ Ó / O.

ITI JT) LTTI ^ t.| Kl kl rui (Lil (Uïl| 'j^kKl KÏ1| Ol K^Klj| Tl \ KÏI UI OJI

rO o cgt;.egt;.................^

o o o o

x l Ï1 UI Kill 'l^Kl \ II Kl TSÏ1 11 Kïl KI Tl M !K|f| ïl UI CTl |1 \ (IK Ol (UU1 Kïl

| \l ïj UI l^hjdAKj\jj G^l^jKÏI IK Kl| gt;(Kll UI (LUI (KÏI Kl^.(Ul (ISlj (tj ISÏI ^

O O dl 1.1 KÏI UI 701 Kïl [l '

I CJ Jl

]| \ i ij kïi :ki ui mj \ ii ui oiin

3 U ^ K] x || KJ1511 lj K|ljn M «j (U (isinjj mik oi

^ /

/ O

(ï| im ^ lij uï| osïi oi x\

| \ i:i| kïi ki ui i ïj x |j u) m m kt uk'j^rn 3 u) ïj ann ann ui -Ji ti ki| q o . o o o

Kïl i lij Kïl OJI in ïll 3 gt;. I UI Kl \ (tJI 3 UI (LI J | Ij (UI CT1| \ Kïl Tl Kl

0 O 3 O C / Q / O aan rv^nj (Hl ^ ki 3 kit ^ iti ïj ki t| ti kli Kljj \ tsij(aj kïi o ;ku!v| kïi

01 \ 1 n ti -Ji ii 111 mi ki uTiq 01 x\

a CJKVJ s

s na o /■ Q o

j| \ LTj UI Ilt;1| l-^K^ \ |j l il UI an ïj O Kl K^ IEJ1 Itj Kl ^lilil lrlll \(3_dl.Tl OTlfkll

O O- O/ o /O . o o

«01 Kïl Kïl Ol Kl Tl IU|\ ■1«) 'UI Ö-A^itn «| .HïllKI (UI ÜS^ 'JII CT illïjjj TVIJ

^0 / 00 00

i™ N B -4.quot;), 1 (Uil (IJl (VITI Kl (til tuil ÏÏ1| \'3-sUTI I I UI (ïj Kïl Kl Kïl UI Kl ^ \KÏ1 3

O CTV / O .

OJj kj Ïj fcll Uil M Ol IK U) Kl.1 ^ Lij UVJ Kïl Ol V

| \ itj (Kin (kji oji k^ \ 1 o nnn ^

u

-ocr page 229-

GESPREK MF.T EEN BEIHENDE, ENZ.

, Q/ a o a

't -inw n i vi fKTi -jnn «11 i f i n m» o (cti ki i (isin uui 11 n

| fi^ o Ujj 'u Kj \ | r ïi rai -ATH iu i i ; i rj Kt yiJi iCT / o o

Kï| tUl 3 ïj O :t,) CTI rui ililJI 'KI 'CT 3 lij IfJI (UU 1-11 J^ILI ISTj «J 1511 ^ |\ 1 ÏJ fHïl M aj| lij \ j| CTI 'Ij iljj Tj afin CTI IJj !Kn| Ol l J u

16

i:i - n i

nfl 3 (KI (j ^ (lil.

O o

1 visiij o iuj| \ I vi;i 3fi ij| 'im o ^1 cti cti nn Kri|^

a q q.o 00 /

bïi (Kin (kil an I n \ 11 ik ui tl i.i tïiann f i (wi 11 am» il tl 11 mi 'M ^

J ) II »3 ui^n I QQ

/ a a Q

\vxj o iKijj fsjt-dij \ I ann ij o (m ui iktj \ im a^ kïi 4 ji 01211

o s o o

(M|| 1 n(kll| '3-AOJUl Kj CTI (LjIÏKJI

a a 00a ^ a

1 \ogt;ji ici 'KTjj \ jii j u^i4!i| aintu (uinJt^i kioi aai ui %! 1 ui 11 ^ 111 ;i ji oi

Q

'i.i (Kin xv

i«3

f a ac^ a a

I M IJ O IKTJ (3-dk(KJ \ jj lf|| 101 3 (KÏI 3 bri| CTI ( I Kil Cl lllUI \ïj Til (Kill CTI IIII

Q ^

(inn 1K1 kïi (Hi »gt;.

(K ^

Q Q

|j \(vji o (ilt;i| \ || (Si om

I \ isiij iiJi 1^1 r3\ I Ji'Kj vj :ui an an a 1 ran ij Ki uj ki \ 1711 aan 2^

a ' o o a t

(in Tj aan o 1 n Ki ajin tn ao Kin u ti ki f 111 -ki .i.n ti 1 vi ki 3 u m 1 t -A i-i

\ ; I \ quot;a, I a J

aan 2 iTin 3 m gt;■

a a a t q a a o a. a .00

\nj ao ilt;l| \ I nsn mn ) 1 ;i.n 111 n _ii kij ik 1, i ri 11 111 ry kvi i-^j (kii ^

/• o o / a a cTq a c?^ a

«013 kïi ii ;-.4.1.11 m \ (bin J-AM ki on nn kïi ki ik m j it; i vkii 01 ik w

(KU (J •gt; Kl.hl) Kt) 7

/

(in fKi (ism fin 111^1 n

JQMJ cj|

s . O cgt; .00 Q O

|| vvnj ui (liTjj f3_AK| \ jj IJj, ÏUI Kll KI on Kil I )J Kil 1^| 1-1 ^VK^dJlJI Ol

Q O O ' Q ^

UinjHiKin IKICTIN KV! lin ! %

' gt; CJ quot; - ^

a a

VOOIOjp I 4 Ml! ^

, . o cgt; a / cgt; a a

II Min o uil'u-i.ki \ iitntn34jiin khih 1 hm i?'n Mi'iiii 1 ion m

li J J( ' IU M af \ CJ 'vlü

o a. , a a o

Knn «m m 01 111 ki 01111 mj 11 urn ik d.n inn ^

45

-ocr page 230-

GESPREK VAN KEN BRDIRNOE, ENZ.

iii| \ jj djj ij) 't -4. is| (iJin ik (tvi 'irti ï i yivi 2 «j ui ^ '(.1 ki iui au m i-j

/ o cv a a

(K1 \ 'J ^(ULH 'KI l-,j ! j HTj w (UI UK 'Ij gt; II 'Viïljj KI 2 O I.UI HLI dj) Ij (lllfl (U 11 1U 3

31'

|| \ üïl IJl 1-01) 6-4.KI \ II nu 2:kl| (^OTI Tl '!-gt;U :| J ? (UIH Vïl OH \ OT (ÏTlJI

II J cJj j i (O 1 CJ 11

O Q Q. O Q

om ik asm 11i t 11 (Ki n (tl m (Kin ui an ki i ^

,k^4 1 (j !

Q O . / Q t t

jpiJKk'i kij|n jj f i mrix alt;j ki thiivi iio|noi raj b:i (ui m ti n im ;fe ijl (ij in inn ^

s Q ü O

| MTJ T Jl 'KI jj '3 \ jj IJl (KI IHÏ1 '(Cl 1U H Ol

Q a ^

jj M.H (101 (KTj| \ jj 1.1 lilTI ^

Q Q Q Q. Q O . .

|\(U10T1 1 1 Kljj \ | (KJ W T| 111 Kl| \ (IK IM ^Tl (101 (U .1 n T1 Kll| (Kill

ci . a a . .

ik ui ti in ti iiii| \ a^i arm hi:i «ki ^ian f i aan iUtj| w oji ■ci nji i n ) i n^j

aiin mi in Kiii ? ^

CJ J

( r ci a ci

O . lt;3V . O

n ki Kii n iiKin (ik an (in an ti Kifl (kh n 11 «ai iki

~4.

a )\

jjMïj UIK1|6JJ-KJ\ jj'jjwill -ll^llin 1.II| (Ult01(Kl|\(E1I|iU~il1j| kij ^ Kin o urj r-^

jj \ ui n ki| \ | jirm^

|j \ nj ai (Kijj 6-4. Kj \ i-quot;in Vk an orj an ti kij kij ifn nai (ui ih \ j nm o o/o a a ' ao

(Vil (Kil I VI I II 1 11 \ KVl (10 (l/Lfl ix

^ a .a oooaa

jj \(iji 11 ii I (in (Ktjj n jj i j fyimj iu| (i;i n ii \ ikj wi (in arm ieji am ski (inn nm ^

Q O o/ • O O / CW

iHin ui(iii\ mi kïi in miKUMif i iiji.kiu \:tn(toi i lomi(ui3ti ki2anu

J I I , J( 'HU

Q .

ikj ooi aji mn (M|

jj \ iTj 11 'Ki jj 6 -4.1CJ \ jj ir) ki iKin j n (Kin aft a ji nrj

' Q Q Qgt;( Q QO a /

«lil i n in 1 niivKin I in ? Ma /IJl Kin i 1 ui -Ji(iji ? aim 'ki mi mn if ji -Ji(M ann .nn 1-1, J J) —' ^ inniHl,

/ Qgt;Cgt; O . O

un ki m kit \ ik'i n 01 in khwkii 1 1 innnnJi 3 ui niimn tui ki 11 ikh ü.i

J } J .j| ^ Jj ( I ) I ^

O

(L I HM _H,'K1|1 gt;

4(gt;

Q Q a f o a o

(M [) ^

O

-ocr page 231-

GESPREK MET EEN K LEEllM AK EK.

a . , Q O Q

II (u i:nn 11 i ,i[i \ n f i in ^ ki mi -bi ki ui i d i ki 3 n j i «ui i i ii nük

(I «Jl (I s 11li.aiu,J|

a a.

I I EI ) I ti 11 igt;n

'■[gt; I OQ

\ i^n o a-ci f| 6 -4. K1 \ || ant an (un ^

ITj I I Mjj .!,4.Kj

GESl'liEK MKT HEN KLEERMAKER.

Q Q Q CL O O .

I| \ilUIIM ! I \ |1 IK l,| ! I ) I 1.1 I.I Ml M Ml Ml 11 11 III 111 I I I I 13 Ml

II cj| II «3 ^^iKuy / ( 1 I. CJ

f O Q t

1 1 il ix

I

\ lïj 111 KTJl 'j^ Kj \ || K I M (Kin iUl (I II '1

Q ' .

I VKlil fkJt (f I iKl| \ || !amp;J1 i n X

f ■ O ,

O KliJÖjü.'KJN || lij Kil Ki:i Ij niij xK| MUI Mlïj MM 1 ijtinn

Q Q Q O O O Cv

«j mi ^ \ mi j ,i «p. i Mj i ïi ? i^jj rn Ki rui kii ki|m: ii 9 on n i tui mi -v

O

i^iuuiKi im 11 ui'i c^ icm 1.111 MI 11 A

jl MS^Kïl Kil Lj Mij \

\«| UI (IM| 6 JkKj \ I !l?ïl (3Jt.IUUI O O irill 3 ^

M IJ M:i KT1 Lj Mij \ || Ol :i:| 10 ) I Ml ^j,Kin M f J) _J| ) | M 9 KI Lil 3

Qv ' O Cl

O

111 _ O'

m bi i in ^onjunoJi Kin !ui| \ ^ ku ik na a i mj i i u i m ^ ^ n :i 3 ^

a a o

||MS^o fM4.Kj\ I mj kt aai nu f j ^ik 111 km 11 m 1 n kj t 1 iin 3 \ KVj a i 111 T.ii 2 ia riii|x\

. ' O Q Cgt; Q, /

IIM-ai Kin mi m tin \ n in a.1 ki ia i 1 :,1 i i i m 1:1 m m - d 1 m ; \i i f 1 (| J J cj( UZ ( lt; CJ 11 ^ 1111 U' J 1

a :vj k'i Kaj ij Kia an M ^ ana ^

f Q

\ I Xj LTl l^ljj '1 ^4. Kj \ I M t 1 KKII (Ol '1.1 OJH ^

\ liTj Kin (Kin ijj asinjj n j| kjJf j 1 'j M -4-111 ip «J» ki ki m

O , a Qt c

1 KI M J KïlllKin ^4 Kil Kil) ;-4.1 II KM 1 IHJl KI M KI il

o -n 7 kl, c j( (ji. CJ(

/ o o c.

il isn fin ?01 Kill Ti KI KI j I ^1 lil KI ? I I 11 KI Kil l il KV

\ ' l.M (J\ | (J ' l ,

. O c~

«K I'I 'in KIJ KI M4.Kj :kl I Tl H ^ l.M 3 KII I Mill! \ (Ml M M II I Kil -4 K

Cv

Kn aan Ml 3 M 1.1/1 KI I UI il ^

vy a- -Jl

47

-ocr page 232-

OESl'llEK MKT BKN K LEEK M A K Kit.

, e- Q o

\ ra Ol M|0-4.li|\ || Kin K l.l| IK I 11 UVKj 01 \OI UAJl 301 3 tU!

. Cgt; ...... _ ______O-_____ o-

lt;S-i

(U KI KI im|.( 1 KI rkll CTl nnoi^ xOl «a ^(un iq :Kl(K]i|!KlI]iH(Uin011;IJI

O

en \ r) tin ^ ui (ti an itj iki ^un ki| x\

. ' O / O

jj M tj Kit HU UJ ;KVI| \ jj f 11 Ö-AMJl aJI (CTl 11 Kj IfcJl-Jlin KI ^\0'1 «j (101

a ó a q o ( i im ci ? (toi ici i i,i oi c-, ^

O. O O; . _ . O.................xfak

| \ra u Kl ij 'i^-Kj \ jj KH IK iKljj (101 (CTl 'Cl ^ Cl Ol } i| ^ f I Ij (KI ^Ol V Q

•ï| M ^ I Vj (EJ1 KI KI ^

li \ i n kïi (Kin ui isin ii \ li f'i m \ m li oti i i kïi kïi ki eji _ji i i (hi II J ) cJl II ^

/ Q / i O ^ ^ 1

'i-AKj Cl 'i^ 1112 \ (101 lj| in!j W KIJ CTl ïj (Cl (0 i -4.1TI 3 UI 3 KI 2 W

, ' O

jj \ inj O (K1| 13-AKjj \ || iLin Tj «01 \ Kj (Uil ^ CTl (IHJ1 X

1 \lij kïi kïi Lj cvi|\ | kt| ?ii(um 11 kïiKj in ^ini ïj aoinri ui 31:111

(Si kJijj \ on (Bi3 o(iru|^

, a a 1

jj \ cij .0 ki j i-4.K| \ jj K^j tn ij kïi iniKuiaajj \ mn (tJi(oi2 T'niioj[(^

ut iv) nit (Cj^nn2 \ en 311^ u ïj kïi 1.111 in no ij x'tjjam ki «Jin ^

quot; . ' O Q O

||\KljKll Kit Uj KTIJ \ jj rj fLl K^Ti^iaj ^IQJI 2 f I r\ (j f j Ut| KCKll 111^ \

Q O /

;toi trui Ktj t^i iu) ïj nn (til 31 i tj nit ai t \ kii in^ki ki ^.( (ktj^ i yum Ki^fkit u i (isri 3 mi iTn ki on inn \ fs^m oji ion 3 (kii cti in ^01 ij (tot rut (u ui -ji

Kt 1.1 l-| KI Ki l O bit r.n K1| \ 'J-AKj I I 1.1113 301 Cl I Cl yd Ol ((01 'J~4. lll 3 Q Q O C-gt; O . Q v /

nut (uisa ^aiin ) i ki Kin u (isrn o Kijj'c;i fin isin (uju^ kix

, n i a

\ l'Tj .Cl (Kl| 'l-AKj || Kin 1.1 ;f-JI Kl| \ 101 3 Kil 3 flSlH ^.( (Clj a ,1 -C) LWH1

/ » Q / Cl

Itn \ Kj ï-1 ~Jt ftoi KI (KÏI 2 CU quot;ix

Q

\(iun (ui (f Ji ki| \ jj f-n nm ^

, O / O Q / O

■18

i 'ukiKt \ li en ? oi in i m' kii ki iin i-Jt ciKit \ ï n Ktn mi

'CU r.'[ o ^ KÏI lij ^ 1. UI 2

\(isFj ,üi üfljj 'i Ji-iKj \ jj ett roi (in iki int Kij \ tn ktj • a a d'

-ocr page 233-

UESl'REK MET EEN KLEEUMAKEK. 49

Q

||\!0| -KTti KÏI(Uj MI| N |quot;jji fcj linJ| quot;^l X 1,01 M ltJI ,K1 Ï11 (lt;M| W3jWftirïlj11

Q Q Q. /

(HI jl x (IS (KJI IfcJI quot;Ï1 (in I'l Mil Is!

4 m3 I oq

, O V

I \ vxj (J1 IK1| (5_A!KJ \ I (Uin Kj (to ^ Kïl (KI til d-OJj \ (Ol I'lj !CT) Kll Kll

O O t3gt; O

0 isïiii (wi irui jan (hit 01 \ nnn o (isn (ui (ismaoi w in ? \ ikï» (fJt oji 3 cun 2 m.h J cJl i HV(j ^ (J

on o («1 m do 1 (Kin ikï_i] cj (U] ^(uin i^j ki ^

Q , . ü / O

1 \(HTn (KJl tfl 1VI,| \ I (£J1 Ofin X\ l-AJ (Kin (Kll Uj (l3Ylj| % (Ul (KJI it) (CI Ol Kljj (lij

in nm iki u ^

\ i.ïj un (Kijj (3_A(i^ \ I ui (ij i.n i'.vi O mij rj (un ^ ki \ ki vlti k^i ji ki kij

q a

n;i u) (ui ^ ki asm ki (irui til quot;X'l (U) ] ^

o a a. c O

IV™ ™ «.Uj «1 gt; 1] K M a Tl« o y « « LJ a wj'y -) u, Q

(Ki j^Kin i i'j on ^ n nji ^ ki

, quot; o a Q.OO

| N in^ ,U1 (KI Ij '3~Jl.(KJ \ jj KTl IK (KI _4-Kin 15^ uj (ïj 111 N'KlIl OJI (UI HU M Kl^

(KI M (15111 ^

(a

Q Q t O

\a5ir

(Uj quot;

fj Kin Kin uj «51111 \ ji J-'n Tin \ til ki ö v\ u aj (Din u 11 ir) xj

a o a. a a

til ............ .........

u3

o ci . o o \(isin(ui(Ki|i ii a;i namp;i ai kh 'un ct iki an .in no Ki^iati «nan

J cJl ' (I | \ I

iin asm 2 ^

o a .1

as io yin \ njia (U12 dj n u) ij m aan m oji n i ki 3iio|^

main a

jj Nds^ Kin «in (Uj. ctj n jj aTn ki ion ij in a^ in nn (ifli| \ kii m ki ki i 1

(til ttiiXii an an asm ki m ki ain in ki kii 111 mi ji in ki a 1 ki n.1 k 1 n^ (KB j II A Ml, j no l l} IKI, cJl

, o r / Q Q

I \abir| o (K^i ö.j»-(kj n jjaan as lojj öjuis^ (Kin asïj til ^

D

-ocr page 234-

Lj ül Kl|

iPr^3^^ 1

I KÏI Kin Uj ISlljj \ I KJ KI Tl (1111 'K1J \ IK (Kil ! V) I 1-^| (Wl Ki l K| (lij (Cl

(KI (ÏJI -Jl Tl KI Kil ^.I Kll lï] KI (ULI X\

an Ti ) KI, jdSL

/ ' a. a o . o o

I VLTJJ O KI ij b-AKjj \|| Kj^j \ Kil (UI (UU1 Ol (U\r) 1 1 (UI 301 Kin -Jïl ilOII ^

00/ 00.'^ o o- cr-o

(ism ^\ Kin kti ki n k^tj on hili (im ki ui ii| ki ^ i^| a.L'i diijj n (tn w en

- O . Q

KI (U KI l.ll on KI i_4, isin 'Kin 11 ^

i ^ J|

/ Q

I n i ïj kïi Kin ljj istiji \ 1 iKin ann 2 (i.ui 2 nri iui _ji ti ki f n aan (ui «111

f ' o '3 Jkiq (io 01

i s

CJV o

MT| L31 K^| is.KJ \ I nn^KIlj KTl O O (IJl KÏI ITI ^T1 ! 1 2 'CTl \ ItJI

O IK UKl^

v Q.cr^ a a

jj \ vn^ kïi Kin uj (Knn| \ j| bi tu \ k i (in frii (tj kïi on (Kji 2 dfj ti ki| :if; ui

a a . o ifji ti (Ui (iui nan Kin ki (i ^

«3 Jl

I NdSBj ui ki| 6^a.Kj \ jj urn tj mi \ nn 3 (}^| 01 o (Ln ra ra iru kïi|

o a a a. . o . .

I mij Kin Kin uj ï.y \ J -m (yi 01 (imi ik (ui jmt 11^| 111 kïi ki n n kï| 'in uj

o

«1 a_AM(JJi Tsmi ici?cgt;*ni2irj ibtkuiji \ im (ü on nin 'iniKianMj o mi ^( (istij

/O Cl / /

50 GESPREK MET EEN KLEERMAKER EN EEN SCHOENMAKER.

□ Q □ Q CL

II \ I Ï1 Kil Kil O ISTl (I \ II IJl IK1 UI (U Tl KI 21KII 'f II UUI KI D \ IK (UI (FJl 71 || ) ) Jl (1 «51, KIXQ 11L, j| «5

irn kïi Ki

I OO

|| \ irj o 'ki || 'j \ u an irj m ^

GESPREK MET EEN KLE KEMA KEK EN EEN SCHOENMAKER.

q a a o

II vil (LI KI 3 rui n \ II K) 'KI •). Mil Kin \(IK 'IJl (tn in O KI .Kill 'KI (KÏI 'Hïl lljj

|| | 6. Jl II J cy, Jl 1K3 J

0 . . ' . /

til ikl 3 Kil '11 U (VJI 1.1 in !Cn KI KI Kil Jl.Kll Kill] '171 (lil !,!l ^(| 11 ï) KI ailJI ^

1 Ij^J (_)( ■gt; lil]Tl J KLKL, J Ol I ilil,

1 a a Q o

\ l ï] ül (KI (1 (3,-Jk(K) \ 1 Kil KI (vl OT (IJl (Kin (LI «Al \\

H in ^

Q Q Q. . O

(kji ö-Aism Kinn \ (ui (ismi an khmkïi ki aan an ki o ji ari ikiu o an (tin 3 ki 2 J / KIKI, / m J /d / (jl- «SU

«j (U

(isnii (iui ^

-ocr page 235-

(iESPREK MKT KEN K LK i;H M A KKR KN EEN SCHOENMAKER.

f G I vijij o i0| \ |j ij ui Ki 2 inft| \nsin u —.1 kit

a , . O o o ./quot;

KI Lïl iKIl Kill LI OSII (1 , IJ I bTJ I.I O] Kï] U 1) vtll KI M KI I LI fUli) (ïl f H OK

^) ) Jl J -3 j ) 4 cjcj gt; J I

\iU IK1 2 ÏIJI li \ 11 It'q lïl x\

ci-gt; cJl (I

a a a o ck O O .

vu gt;ia Km \ jl ik tu if n 11Q «1 (Kin w kïi 301 oji on tiaiw 2 ikïi a n rcn ki

cJl (I ^3 ) CJ 1:1 lA3

kpiij :a w .ai -Ji i'I Kijj :u tui txj tj jsm mui \ (hii cj itui kj ihiij| x

o a. Q

jj v iTtj o M j i~A. Kj \ I tiYj kh ki (l.1 avr| kj i ïi in oji (Ui hk gt;ki ult;| (ki (U (ism cgt; a

iK| OI (Kill fKJ 1EJI -Jl ^ (ïj 3SÏ1 OJUl ^

Q O . O O O s

jj 1,1 iu .ki j \ jj kj f j fui^ 'ly an n on rK 1 j| mjcj ikïi (wi o Ktj kj ajti as M (cti ö

Ö_A

o / / a

Kj (K1| UVj KTKIjj fJ-^ ;lSn ^ O 'Ij KI lAJI lïj !U Tl (ïj KVI fLlil \ 0,) Kl:] \\

'' / a ao

| \a5ï| o 'liijl 'i~4.Kj \ ||(u kï (Kin (ici iki :cti w

O Q

I \'i.:i KI KÏ ii \ u ie an

a a a. . o

TJ

jj visin 01 «ij rs_KK| \ || (uu (r| ki v kij kïi kï (ki (ï| kïi (r| tkiji o\ an o hij \ Mam ui nu -4.K) (fcii2 u a.j ki (U asn6_^kj (isïi

Q / . Cgt;

lïl Vllljaj|i(jl(LT :Kl (t| ïïl ^K'l (KI 2 a(| Cl (KI O KIJj 'KA-ïlKKj^

t o oó-, / a a a

II vism Kin (kil (UI asm \ n q o «i ki -ïï ki 't-juiu ki q o ) i ki :ki f n; i \

m \ li in o ki ki -ïl ki 'l-Aojui (Li tn ki i ki :ki f i i

j........ j \\Z •gt;. z / (.-gt; iUi

f 0 0 f inana^KUi^n u Kin ki ki alt;i kh i^jmii ki3.104 ) «1 cj( KK^ \ kï, Q

ir^Ki^r ii1

| \ LIJ lui (U U OiTj V || Kj KI Tl 111 IK1| NOK OJI I KJ| 1 VI Kïl lit HIJ KT

(KI ÏJI j| n KI -AKI Kïl ^

am J

, a o o gt; o cgt;

jj \ ISIJ KI (KIJj 'i-4.Kj \ 1 1-^1 Kin (Cl KLI (Ol O \ip Tl (LH (U Kïl -11 «UI \\ (ISïl ^ \

oo/ ' ao o Oy

kïi oi iq ri kï n am kl'I ik ajLi ki m ki i \ a;n ki'i-akli kïi ki ki ci \ n

-7 J s Oli ^ a

, ei .o o . cgt; o

«in ',KA'K|i xi(iiinaru| i:j (ukukuki oimvio kïi -ji ui w ^

/ . a r o o

|j \ jsvj «in kïi (ui (i5ï| \ ||(£ii(inn\ m ki u kï kï 'ï-aku kkki ?^ï,ti k)| xok

a ' cx o / / , cgt;

(U « Ti kt f i asTi irn i-Ktn v ki oji an o (kï ^4. ki i n i u oji (u 01 c., \

K3 a)CJ s 7 J

(KI K I H ~x\

GO O O O

-ocr page 236-

02 GESl'ltEK MET KEN KLEERMAKER EN EEN SCHOENMAKER.

f Cl y- /

| \MJ .L I KI | 4. K| \ | ivl (UI 3 ïj .UI (l^ (til aj| (Ujj 'i^klSIIl (IJ) (Uj

, quot; e- ocgt;

:-:4.^01 OJU K| 1101 Ki l ^

\ i ij kvi w O i ij \ j| ij fj i ij (vu| irj (u tuui (K| hci ku (t,ï|| \\

^ Q d . „ o

vjsin u Kil j_d).Ki . li Ki «oi iKifi \ i n ktiM aji jsïi oji mi in iri iiiikti tui

Q

Ij Ul Mj| 'j-dk K| \ Ij ;K,1 «01 l^ljj \ l ïj Kil rui ajl l ïj

o a

Ul KTK| bil Hj I j aj I ïj (Ul T | Kïl| \\

a a

jj \(kJi (.1 Kijj \ || .ui avi

a o o a a.

\ LÏ1 Kil W IU1 11) N II UI (KI IJl (UI ') I IKUIM !• il 1IUI KI ) MK IJl if | Tl tl «01

J J [( 'Ku iisix.| ia,(j\ iKijj |

Kil Kl^

|| ' J' 11 '^1 ^4' K| X j| ajri ^ quot;Jl ^

FKAGMENT VAN „DE GESCHIEDENIS VAN SOEPENAquot;.

BI. 7$, 9 r. v. b. — bl. 74, 5 r. v. o. Uitgave 1881.

Johauues Muller . Amsterdam.

INHOUD: DE ONTMOETING VAN NJT RATNA NINGSIH MET HAAR ZONEN.

O Q O O Q. oc^ / / / a

101 (Ul n.l|!KJl -Jl Bïl OJ 'Ij (Ul UI (IK Tl Kil (KI (KJ) !KÏ1 !tï| Ol ÏUI (Ol IflH \

a a /■ * J a

11 'ijnn \ quot;Kfi oi ui Kijj \! oj m|ö.AKn «siniKinnn in \ «j «uaji «n i^j ui

a a / c . o a o o 1 q

I15Ï1 KI!M?M 1511 :K|| Isl Kil -Jl Ul IIH 3 ^ lil 11,1 Lil 111 KI I I KI Kl| ! | KI

rl ^ _ 4!cJ ^ CJf9

Q Ov . t Q Q/ Q

quot;■ .^.1.13 ui -^rn;

ck J

_ . V

I I lm Uj Ul «JLI ^ ^Ul OJ (3J1.K1 3 Ul ^(Tl m (KI (KI nil 3 (Kil (Ul (Ul O) (Ul \

o a o . . a / o o s

( ruuriii Ki - ii rui ui i;i rn 3 ki ti (ui an \ hum i ïi ieji iüi

yjr IJ «01 in \ i n ijnvr|

a a o o

kioi ■) | ui Kin \ nii un ki \ ui n ui ki ki in inii a11 in ki iuix rui ei

fj / J ci| J' J eg ^

Q Q. a Q O . ' s

l^jjj T1«5^Kn,JI^\l 1 ïj U| —1| iKI | Kil «01 1 II UI lil ^ Clll «K (^Ul Oj B-A KI 3

/ Q. O , O

} il _H.lil Tl Kil KI (3-4.quot;1 I I 1 I ? \ 11 m Kil nu Tin 9 \ (11 Kin l.'UI Uil KI

J \ I J J (Al

a q o o o a . o

111(1 1113 KI in Uil Ol Ol KI I II Kil KI Kn quot;ÏI Kil -4 KI KI \ II (lil KI 1 M

-J ' ' n S y J cJ| «Si

o a a

11 mi i n 31] rn uiiii \ n un i ii i ia ku 01 ui in «sin win ui B-4.ki ^ u; «K

v I Jl 1 cj.y ö q w

-ocr page 237-

FRAGMF.NT VAN '/DE GESCIirKDKNIS VAN SOEI'KNa'

O i O c /■ O Cl O

aiui (Hi asm (ut ^ nr^ifcjidiiïjinn^nnaoasiniuno-^o \ m i m xsvi a i

Cgt; O t Cïgt; Q Q o . a

(Ki (ici sq (Ki li rkü ji i.i (kJi o ii uk an (Li ? \ (Kiii tn ti an 111 i- i n i;i ^ 'kti r.ni

«3 J J| ^ ^ J I 6^ J

0 a a lt;^gt; a o/

itvi (cxi oi ïin in^dK (isn ruj ^iisin (uui oji ^;i ivi| Kj inn 111 ^

s aa aa o aa

01 «1 (K) (KI BjJkttRJI itvl (UI (KI n \lin UK (M (! I Kil (KI 11) (bflBOK (-quot;) (lil Ml Kin

Cv J d-l ma) ■gt; 4 J J

a /O a o a a

l'UI (Bï|| Ö-Adj U \ (UI m IW !K (liut (KI (1511 (LI Xn (K^| quot;l 1 (l^W !kJI np JjIJ a 1|

f i O/ Q /'CS /OO1

Ö^AilJLT Ij rjlilil OM ITj ^(UI1 ITj KI __4.!j1 «UI b-4.KÏI| '3^0 ^ Tl Til

Q » V / Q

(Uj| ETl (UUl N (til (KI Kil O «Cl ^ rjifl 1.1 (^ (KI ïj (KI 'Ij KI ïj f 1 -J1 ^(1511 KVI| x

Q . /OCv ✓OTQ

(ism (1SÏI (UI (Kin 2 'Kil 2 ti-A(Ul ^ O-AtKil (LUil (Kl|

o a a a /

(Uil 'i;ri| Tl ^!K1 Kil ^rwi (kil O T1 (KI (1511 (KIH JÏ1 UI (ism 3 (IJl j| (U 3 JO^Ma II ^

a r quot;~ / o r

Kin isii losn tij mlt;ï| u (un (3M.i;t| m^| o K|(f .i \ asn ö-au i i (um ok r a^iKi i

o o V o

lil n \ (K11 1 lf| 'M KI Kil IXil til .Cl KI P (3_A KI (.1 l'Ul 7 It VI f| I 11 (IIL1 -LI :K I

a S J^cj '(-i UJ ' ■' cJl

r o'o a, o

(KClrïl KJ| . Cj Mj LMTM 3 MJ 1,11 M in U'lJl (Ulfl \ f .1 Hl II ^(10| 'K I 2 KI (KI

, 'q o . q o o?v cgt; /

■Kin in o ,cti cl \ asn tui (cti kki kih ti ki mTiü (0 i n ki Kiianini f,i\ an

S Jj ' o cj| w, 41 CJ

s •. Q O O O O Q

KI (3 JK1511 (Uil O im ^ \ IK (lAil KI 1511 (1,1 (KTI U I Kil 1 1 (1.1 am ai Ol Tl M III)

cj J ■gt;

^cgt; cgt;o , r f a'o o . a

Tj Ifll (KI _4. M \ (0| b^ M 3 I 1| '3^4 i 1 -J1 (bil Kïj ,u a^ojn KI _!l M in

O O O Q /0 0 Cgt;

(KJ1\ 111 (KI^ITj in I linill \ C^Ö-JU (IK Kl| \ Cj 1.1 | ^

O O

ci Kin rm ui ai m b o in ei (ci m ? am Kin J Z I ^ cJ|

Q aoa / Q s O ü /

l^j Tl 05^ KI Til yci Tl Kil M.\ Ö-ATI (3 JUKI Ki l (Ij 1511 (K| (1511 ff (1 (KI (Cl

Q / /O Q Cl O ü

!i5in a^i cj Kijj i-c^j ajiKn en 0-aki| \kj ^ ;i .1110 «m kti (ci aiui Nosm •). 1 ''(isvukii Q /O Q / Q

(Cl •). 1 am (I5in fj an ci inji 3 io|\ (Cij bl3|.-gt; 11 \ 6-4.1.101 til ^nrjj 01 o ^ IK C) ^ \ 6Sk 1lt;|| K 1 3 Tj 0511 ^ KTj 1.1 '1 C| (Cl cTl MC(,1 1 11 CU l'l \ IK Clquot;'OTll

' 1 - /■

KI J I Ml Kil IK m HUM l.n \ Tl Ol 'CTl II I '11 (1511 Cl Tl I I Kil) 0-4.111 Kil

} m ) C, KI, (K1J j \ CJ(

O Q

i i ai gt; % ci ki rKin lan 1,11 kii t i iui ui mi ixi 1 m i mi 11111 111 1il

Jn UJ J s I ^ 41

ti (i^ Kirci ^ i-^j r) (ci ani \ ^SK^^TTij mj \ m m 1111 1 gt;6-4.^ ^ ci 2

53

-ocr page 238-

rHA(iMF,NT VAN DK (iKSCIIIKDKNtS VAN SO EPF. NA

. q

ro

o ii in n im tui \ o mj rui ui ytn th ti ktij ^

o . o q o / a/ /-o- q

IK1 KI 0(K!| (IK Tl'l 3 (O (KI (ist1 OiTriJKUin \ Ml

OO O a ^ Q / C^Cgt; ^ Q Q

ik Ki r:ri \ K| u aan .u ^.irui 3 oi (U (L^ m \ ok w oi t3^ii ö-a^atj iisii ^

a o. a

KVl 111 a KI Tl 3 tl am KT) UU KI N\ iM IH K] I XI Oïtl KI kl ? \ 6^-4.9 é-Ad/ll

/ lt;y I ^ ^ 41 d ^ \ J

q o o

!Mj| \ lil Ij ^'KJI ITl Kin (U yu 3 O (Bïl (Hïl W (Hïl (i LI K| j -Kïl D,J| (UI Tl \

O ^Cgt; Q' „ / Q

(kji ir) tuj (o] Ij ui Ki \ tj-^iu^i£jkn yiui avj in ki^ct^ sa ap n^jti

/ C?v . / Q Q% Q /-lO- /•

KI 01 li (UI Uïl lis Kin KI (M (KI kl U) 'llt;|| Tl (IS^KI (IJl ^\(3-A^ (3 J)lt;nT| fK!1|

^ a o

, !k1 KT1 ui i] \ (kïi? (im (ki ol (uli (KÏI o «

^ } ) lt;J\ \ S cv\

Q. Q O Cgt; o . Q. O a

un ui itii_n um is \ (ism on «ïïi kïi dj ti g^3 \ m o _ji uj Kj nm om ui ~ji

/ o c o a a

(Kj yraj (isin onjp (ui kïi ru ct aoK' 0 0,1 \ (u atj o ïj ti (Kin 01 ^

/ o ■

un \ aan ki uj xnj ij yin 111 ui iun \ Kj| \ (fj ui ik 2 \\

/ / / ' /O a ' o . /

(kïióiajojö-a-ki3(f.ijj \ \ «in ik (Kij|o3 hi3 eui3on w u) \

(kïi n oui m Kin ^kvi un ui unij o ki-j|(k^^ tict (kkkji ^o ah

O 7 cn o 'o a o

(lui 3 iiu| n 01 (3-4. nj nj|j| \ ri[i tj ki ui un ukui (tn unn ki ui ^\(m asm (Kin

o o o o- . o o n ann 11 ikii n,i m Km kin \ uri ui ikiui kïi kïi (kïkuui Kin o rui q «nn ? mji

' ^ J' !5l-CJ 0 ^ I ^

Oc /- Q/O/Cl O

tnn 111 ki f 1 ^ m ijj ^ ki «j ui^ dj o rui «ui kïi !ki kti (kïi ui^\ «sin ui un

O Q

kj tn kvi ïj KYi ojui ïj ann iti iim ij yu uru kïi (kh ir) iian itj eïi ^

/ , o ^cgt; q''

tn M on 'Kil oji quot;Ki \ b -sKöi

Z 0 J J ai

Q. Q QQO / au..^

Ki io ^\ kj bi o :iai (iJLi k) tj ui (isn min oj ^l3_^.!Ki kïi ^iin jk r (3-A(wi

a;

(Kii É)(ij (0| 6_aki 3 ;Uj| \ firfj \ 6^(ui (öi n !ki -akïi au tj(kïi_-s,

Kn (L ti kïi aai aij in (ki _j|(fl5^i'6_A(wi ki| \ mj tn ajin 6S^6_i^ti 01

, Q /O a / a

ii ui (un (kïi u ki \ fk.i (urn atj (wi 3 ïj ra atj n (Kïi rw ti np (i^|

a q f q . o o .

n dg,ki kji on (ui (kïi mn ti «sin (ioi o ^cn (ki (i^oj tj ^ikj as^

(Sn inn e| ^ uji u) (ty (Cïj| 6-^iki 2 (tnjj \ ini| (tn min ^ iisin (ui 3 kt^k^ aui^

gt; J cJ^

/ , o v o- o. o

un 3 00 inn amsq Kin uiii \ asm ? niin Kioi(UbiiKiniq(iafl(a(Ki3

54

-ocr page 239-

FRAGMENT VAN quot;DE r.ESClIIEDENIS VAN SOEPENaquot;.

/ O/ Q Q O O/

iLi w r)) j ki \ mi (entkn ^(ïj iut (Kj ui ^ 1:1 [i i^ i.u kv|j| aoi am Kin iki q \ (kïi

q cS o a a a

(ioi m iki iKin 01 rt,i nii ) I m (ioi (Hi ji i,n gt; \ (Kin üsïi «i im vi iiai uvi on \!ui Cjai «ij ( \ J j J

a qoqqq ki t| im ik tTi oji iTii ^ tTi (Li asm quot;ki ia Kïijj \ on 2 o kii (cti (ia a.i ^uu

a

(KI C, Kljj (£J1 (Tj IKI ^ Kl \ 171*1 ^VKÏI 15T| Kj (fcJl (ISin SOI IT) (LTJl (IJl 'I VI KT11J Mil Q O '

iimt.(Kin (iiLi \ ii(ii ki.i3 K^bn^Mi c^itoi i^j Kri| \ (t.,i aan ^ (u ci

O „ /O Q

li 1 bii n n :i din \ ij

a /a a. a a a ---- -------------------------------------------1:11 is if; m iai ki an

11:1 in 9 otii nji ojui i^-dKi an am 1:1 rui ajui ki ki 1 \ J ) quot;si, LU ^ (}{

— — Q / . O Q 1

(isj^kkvji Kj a5in tj isin iruiKii im ki 'lh lian f3_n,\ m an Kinjj jjulli

/ q a ^ o

on l| k,i am aan tij aji 2 la^ am 1 ij 1:11 ki| \ ik au kh iki ani ki ok «jui 0^

O/ a a o a. qct^ ^ o o

a a ki aj| (^lh t 1 ltj ki m ^ in ag ki m ^ an ij in ki:^ ki an injj \ ki

o cgt; a, a o

(Kin an mmi (ivi| aim k^i tui r\ nn kj (kjlik i 12 inn tj (tn ..ji kij

-f- .Toa—-)-------

__^ ^ ^ ut

'OJ r f ^ 1II l^j (UlOjl CTI| Kj ïj I'll Lin Ol Kïl I ïj V.ïl Ij (ÜI

a/ /O o' o » I ''/O

' tj ^ Is^y ^ \K¥1 Tj K| j I .I I 'OT \(K,1 'Ml 'CT 1 I Kquot;| (UU (Kï) Ö

/a a a

(H Kj O (ïjCT ^ (Wl IT) «ij Tl (IST^ Kl KJI ^ \ iKj Ull (IK IK (UU

Q Q O quot; c^v / a'

Ml \ (Kl (Uin IK (101 (Ol IK 111 OJI (n Kl \ fkJI '1711 (101 171 (LI 1 1 Kl \ 'I'.l 11 Kl cJ| ^ s / 1SU Cxi

:u (CT1 S'ln 3 oi CT \ UK 'LI (Ml KJ (LI in TTI lO K^lZTl K11J (Klquot;l IT) ITKn Ij .1511 ^ ^

/ I o /O a a a cT

iTJia^OO 'Lj Kl Klf^'i^JlX HIJ 11H (CTI T1 (Kl —1 (KH (Kljj ^ (Ull

. a' oo quot; . QO , v O

(IJU (k,1 Ij| 1'J \ 15111 I Kl Kl (Ull (IJUl (101 111 !ïj (U1 1 -:-4. KI -lij Ij Kl ^ (Ull (I1l|

a ' cx ü o o oc^ a a

n tig ki l i ^kti (mi an aji _ji ki ^ii (Uj ki l) o ki on in aoi ;Kj njj ^

cgt; OOO O ' cT r * f

(un ki inn ^ ooi ki in kjI jn ti \ tn ii in an iki ki i_n. ki '.i^nfi ? en am

CJ ' gt; J I üt ^

/ o a o cgt; o

(Kl (EJ1 \ (IT! in 0711 IK aiLI (KJ) Ojl Kl OK m KYI Kl OJll (111 1 /11 (U1 a 1 ^J1 (Kl -li O \

CJ ^ J J !KL, ^ J

O- /O / Q Q / / / Q Q

KjI Tj '3 Jl-(I^| '3-^. K| (1511 Tl (Mjj \ 'M OSÏl 0511 'i-A Kl (LI (LVj (Kïl mi Tl T^| L) N

cgt; /O a . a a o cgt; . 'a

an an an ki ki n '3^1. fn \ a ji ki an nn (Kin ki fi inn ojui isii in kïi n n \ osïi an

y^cJt CCl HL cjj s /

a / o/ c ^ / a a, a a

asm an an 2 lti ki kh tj am ^ uj injj aui 'u^ki an lvi m 111 ojui ki aq 1 m

q. a q _ ^ . a a /

----- -- — — — — - -- — - . _ . - —1 )

55

-ocr page 240-
-ocr page 241-
-ocr page 242-