PrJfo|Enfo-ans nuFnnnpn
leTlm Heiligen Vadfir iffiTpiiTquot;
Handboekje verscheidene malen door Z. II. Leq XI1I gezeirenti
Naar eene vertaling van de 28^
Italiaanse he uitgave van den Rerm r* â . m~-â--â--L
__O--WW!» 1*1,/I, JLSdC-f CU,
Pater Granello van de orde
Cquot;
l».. f* '
U,.
u,.
p
f»
der Predikheeren.
»Wij vermanen alle geloovigen ten drin gendste godvruchtig en standfastig te vquot;T
Rozenkran s. 1 ^ ^ d-
Iquot;:ü Xni- Ereve : Salutaris ille. «Wij verklaren het ten hoogste en alles zms betamelijk, dat de Christenen zich le'
Moedeer dquot; tTl,'jk met de H' Maagd en den H T / 00 en zul'vercn Bruidegom den H. Tozef, met eene bijzondere godsvrucht
ÃÃoXnTFV01 aan tt: â¢epen/'
Xnr- Encycl. Quamquam pluries. ......................quot;quot;quot;quot;.....quot;quot;quot;quot;..........................................
S HERTOGENBOSCH.
SCH 0 0 H K s
achter HET STADHUIS. 1892.
V quot;ar -air
609
met onzen Heiligen Vader den Pans.
Handboekje verscheidene malen
door Z. H. Leo xiii gezegend.
JVaar eene vertaling van de 28ste Italiaansche uitgay^tfc^i den JLerw,
Fater Granello van de orde
dt'r Predikheeren.
-Wij vermanen alle geloovigen ten dringendste godvruchtig en standvastig te volharden in het dagelijks bidden van den Kozenkrans.
Leo XIII, Breve; Salutaris ille. quot;Wij verklaren het ten hoogste en alleszins betamelijk, dat de Christenen zich g«-woon maken tegelijk met de H. Maagd en Moeder Gods ook haren zuiveren Bruidegom, den H. Jozef, met eene bijzondere godsvrucht cn een vertrouwvol hart aan te roepen quot; Leo XIII, Encycl. Quanquam pluries.
ii.iiiiiiiiiiiiiiiiiiiininnn,
iiiiiiiiiiiiiimiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiunn.n
?S HERTOGENBOSCH.
F. SCHOONEKS
achter het stadhuis.
1892.
Tf ' Tjjf TSTquot;
rv w
V W V
ââ.â¢â¢OOCKââ
N....... ............... is den
van de maand 18 aangenomen en ingeschreven in de Broederschap van den Allerheiligsten Rozenkrans, opgericht in de Kerk van ...............................................................
De Bestuurder,
\ ü
I)
Eenige goedkeuringen.
Goedkeuring van Z. D, li, Jen Bisschop van Hamei).
Wij veroorloven, dat het werkje »De Rozenkrans overwogenquot; gedrukt worde en wij wen-sehen, dat daaraan onder ons een gelijk onthaal ten deel valle als aan het oorspronkelijke in Italië. Het zal zeer veel bijdragen om de godsvrucht van den H. Rozenkrans, zoo aangenaam aan de Al-lerh. Maagd, en zoo dringend door Z. H. aanbevolen, nuttiger en heilzamer te maken.
Namen, den 22 April 1890.
f Ed. Jos., Bisschop van Namen.
Goedkeuring van Mgr. den Bisschop van luik.
De manier om den Rozenkrans te bidden, gelijk ze in dit werkje verklaard wordt, is uitmuntend. Wij twijfelen niet, of zij zal eene godsvrucht, die niet te veel beoefend en bevorderd kan worden, voor de christelijke zielen nog dierbaarder en voordeeliger maken.
Luik, den 14 Mei 1890.
f Victor Jos., Bisschop van Luik.
Brief van Monseigneur Gaj.
Parijs, 4 Mei 1890.
Zeereerwaarde Heer,
Met zeer veel stichting heb ik uwe vertaling van het werkje van den Eerw. Pater Granello over de geheimen van den H. Rozenkrans gelezen. Gij zegt mij, dat de schrijver een Romein is; inderdaad ik heb in zijn bescheiden geschrift
goedkeuringen.
èn dat nauwkeurig onderricht èn die zoo treffende als eenvoudige godsvrucht opgemerkt, welke men put uit het hart van die kerk, welke de moeder en meesteres van alle andere is. Men kan de heerlijke en kostbare godsvrucht van den Rozenkrans niet te veel verspreiden, en men bevordert die krachtdadig door ze bevattelijk te maken voor de eenvoudige geloovigen, die het grootste deel der Kerk uitmaken.
Ik wensch u dan geluk, Zeereerwaarde Heer, aan de geloovigen van Frankrijk de vruchten van dit nederig werk verschaft te hebben. Ik vertrouw, dat het strekken zal tot vermeerdering hunner godsvrucht, alsmede tot verheerlijking van de gezegende Maagd, die God tot Moeder gekozen heeft, en welke men, a!s zoodanig bevoorrecht, niet te veel vereeren, aanroepen en beminnen kan.
Aanvaard enz.
f Carolus, Bisschop van Anthedon.
Oud-Adjutor van Z. E. Kard. Pie, Bisschop van Poitiers.
Nihil obslat.
Fr. Hyacinthus Agnesi O. P. S. Th. Magist. F. Albertus Lefidi O. P. S. Th. Mag. Reg. Min. Imprimatur
F. Raphaëi, Pierotti O. P. S. A. Mag. Imprimatur
Tornaci, die 9 Augusti 1890.
G. F. J. Bouvry, Vic. Gen.
Imprimatur.
Buxöd. 7 Aprilis. j. j. Versterren, Rector ad hoe deputatus.
P^npn^ans DOHi!ronggn
inrf onpn Jif'I'Sfn quot;^a^I! ^n ?flIls-
^aar b? ^ransr^f T^frialing èfr 28f
lialiaansr^s nifgane aan bn pfrnj.
ifsr 65 r n ii e 11 d aan iis oröf
amp; ÃG7)C7)£7)Q DCDG ^ïCïtt£7)CttlC7)G
ïl T T T T T T T TIT1T T T TITIT T
f
r3*â
»Wij vermanen de geloovigen dringend zich te beijveren in het openbaar en in het bijzonder, ieder in zijn huis en met zijne huisgenooten den Rozenkrans godvruchtig te bidden, zonder er ooit de gewoonte van te verliezen.'4
(Leo XIII. i Sept. 1883.)
Beloften van de H. Maagd aan degenen, die zich beijveren den Rozenkrans godvruchtig te bidden.
'vrAfjAN al degenen, die mijn Rozenkrans zullen bidden, beloof ik eene geheel bijzondere bescherming.
8 DE ROZENKRANS OVERWOGEN.
De Rozenkrans zal een krachtig wapen zijn tegen de hel, hij zal de ondeugden uitroeien, de zonde doen verdwijnen en de ketterijen neérvelien.
Die zich door den Rozenkrans aan mij beveelt, zal niet ten gronde gaan.
Alwie met overweging van de H. Mysteriën godvruchtig den Rozenkrans bidt, zal niet door ongelukken overstelpt worden, noch een onvoorzienen dood sterven; maar zoo hij zondaar is, zal hij zich bekeeren; als hij rechtvaardig is, zal hij in de genade aangroeien en het eeuwig leven waardig worden.
Die eene ware godsvrucht tot mijn Rozenkrans hebben, zullen niet sterven zonder het ontvangen der HH. Sacramenten.
De zielen, die godsvrucht voor het rozenkransgebed toonen, zal ik binnen den dag uit het vagevuur verlossen.
De ware kinderen van mijn Rozenkrans zullen in den Hemel eene groote heerlijkheid genieten.
Wat gij door den Rozenkrans vraagt, zult gij verkrijgen.
Zij die het bidden van den Rozenkrans bevorderen, zullen in al hunne noodwendigheden door mij geholpen worden.
De godsvrucht voor mijn Rozenkrans is een quot;voornaam teeken van voorbeschikking.
(Dr Gelukz. Alanus. Uitgave Imola 1847.)
DE ROZENKRANS OVERWOGEN. 9
De godvruchtige kinderen van Maria gelieven deze voorrede te lezen.
klein boekje, dat voor de 28stc maal uitgegeven wordt, strekt om de geluk-zalige Moeder Gods door het dage-lijksch bidden van den geheelen Rozenkrans n.1. van vijftien tientjes, te doen eeren. Vetscheidene malen zijn daartoe uitnoodi-gingen gedaan, maar wegens de altijd groo-tere verwoestingen der afschuwelijke onzedelijke besmetting, die geesten en harten bederft, is het noodzakelijk de geloovigen voortdurend tot de uitmuntende godsvrucht van den geheelen Rozenkrans op te wekken, ten einde hen dagelijks den altijd zoeten en liefelijken geur van de geheimen onzer verlossing te doen genieten.
Men zegge niet, dat de Rozenkrans van vijftien tientjes te lang duurt; in drie dealen, ieder van vijf tientjes verdeeld, vordert hij niet veel inspanning. Telkens behoeft men slechts eenige minuten te besteden, die alle te zamen niet meer dan een halt uur zullen uitmaken.
Het is een oud vooroordeel een geheelen Rozenkrans voor lang en vervelend aan te zien; wij moeten dit toeschrijven aan een listig bedrog van onzen algemeenen vijand.
IO DE ROZENKRANS OVERWOGEN.
die zich beijvert om de Christenen van het gebed te verwijderen en vooral van dat be-wonderswaardig gebed, hetwelk ons de voornaamste waarheden van het Evangelie voor oogen stelt.
Ieder die wil onderzoeken, of ik naar waarheid spreek over den tijd, die tot het bidden van vijftien tientjes vereischt wordt, neme de proef, en hij zal bevinden, dat ik goed gerekend heb.
Het is goed in herinnering te brengen, dat de groote beloften, door de H. Maagd gedaan, slechts die geloovigen betreffen, welke dikwijls den geheelen Rozenkrans godvruchtig bidden en dat, hoewel de zoogenaamde Levende Rozenkrans, als zijnde eene bijzondere wijze van den Rozenkrans van O. L. Vrouw te bidden, eene in zich zelve loffelijke godsvruchtoefening is, hij nochtans maar is ingesteld als een middel om verwaarloozing van het schoone rozenkransgebed tegen te gaan.
Wil men dus inderdaad de voordeelen genieten, aan het gebed door den H. Do-minicus verbreid, verbonden, dan moet men zich gewennen alle traagheid te overwinnen.
Overigens hebben velen reeds de prijzenswaardige gewoonte dagelijks den Rozenkrans hetzij in zijn geheel, hetzij in drie rozenhoedjes verdeeld, te bidden, en dit boekje is vooral geschreven om navolgers van die
DE ROZENKRANS OVERWOGEN. II
ijverige zielen te winnen. De «liefdezuchtenquot; op elk der geheimen, wekken in de ziel goede gedachten op, zoodat de christen, terwijl zijne lippen vol aandoening den groet des Engels en der Kerk herhalen, zich kan gewennen zijn hart in de overweging dier heilige zaken gevestigd te houden.
Gelijk in de vorige uitgaven van dit handboekje, eindig ik ook in deze met de opmerking, dat ik de grootste voldoening zal smaken, wanneer ik zie, dat aan mijn oproep beantwoord wordt. Inderdaad, door deze dagelijksche hulde aan de Koningin der Maagden aan te prijzen, doe ik niets anders dan de bron aanwijzen der genaden, welke de Rozenkrans altijd verspreid heeft, en nog voortdurend in de H. Kerk verspreidt. Welnu, de glorierijke Moeder Gods heeft mij met blijdschap vervuld door de altijd ruimere verspreiding van dit handboekje en door den bijzonderen zegen, dien onze heilige Vader Leo XIII bij herhaling aan mijn nederigen arbeid heeft willen verleenen. j Ik zegen en bedank Haar dan ook voor eene zoo aangename en vertroostende gunst, terwijl ik zie, hoeveel geloovigen in Italië aan de stilzwijgende uitnoodiging van de Onbevlekte Maagd,bij hare verschijningen te Lourdes, met liefde beantwoorden. ^Iedereen weet overigens, hoe alle omstandighe-
ij In deze bladzijden, vóór 1883 geschreven, wordt
12 DE ROZENKRANS OVERWOGEN.
den van deze wonderbare gebeurtenis den christen op geheimzinnige wijze en als niet een zoet geweld trachten te bewegen, het eerbiedwaardig gebed van den Rozenkrans in hooge eer te houden door de gewoonte aan te nemen het alle dagen te bidden.
Maria verlangt, dat men Haar door den Rozenkrans aanrocpe, opdat zij haar beschermenden mantel over de huisgezinnen zou kunnen uitspreiden. Zij, de Onbevlekte, vertoonde zich, terwijl zij de koralen van den Rozenkrans tusschen hare vingeren liet glijden en haar maagdelijken voet op een rozelaar liet rusten. Maria verkoos onder alle jonge dochters een arm kind zonder eenige menschelijke kennis, maar zeer ervaren en ijverig, waar het gold het eerwaardig voorhoofd van de Koningin der Engelen en de Moeder der menschen met geheimzinnige rozen te versieren. Wie zal niet al zijne zorgen ten beste geven om aan het verlangen van de schoonste onder de schepselen te beantwoorden?
Vereer dan, dierbare lezer, de H. Maagd door dagelijks ^den geheelen Rozenkrans te
van de krachtige aansporing tot het rozenkransgebed door onzen heiligen Vader Leo XIII nog niet gesproken. Maar thans kan men zeggen, dat de stilzwijgende uitnOodiging der H. Maagd, voor de geheele Kerk uitgedrukt is door het opperste gezag des Stedehouders van Jezus Christus en men er reeds de wonderbare uitwerkselen van ondervindt.
DE ROZENKRANS OVERWOGEN. 13
bidden en gij zult gezegend zijn.
Rome Juli 1890.
fr.T. Ma Granello, v.d.Orde d. Predikheeren
Eenige lofspraken van de Pausen over de godsvrucht van den H. Rozenkrans.
De Rozenkrans verschaft iederen dag vele voordeelen aan het Christenvolk.
(Urbanus IV. in Buil. Apost.)
De Rozenkrans is ingesteld tegen de gevaren, die de wereH bedreigen.
(Leo X. Ad episc. Rom.)
Door middel van den Rozenkrans is de duivel verslagen.
(Adrianus VI. in Brev. ad confr. Rom,)
Door den Rozenkrans bevredigde de H. Do-minicus de gramschap Gods tegen Frankrijk en Italië. (Paulus lil. Ad mag. gen. Ord. praed.)
De Rozenkrans is het sieraad van de H. Room-sche Kerk. (Julius III. Cum Romae.)
De Rozenkrans is de verwoesting der zonde, hij bewerkt het herstel der genade en de vermeerdering van Gods glorie.
(Gregorius XIV. Ad. Episc. Syrac.)
De Rozenkrans is een schat van genaden.
(Paulu= V. Ad. episc. Tarvis.)
De Rozenkrans bewerkt den aangroei van het Christenvolk.
(Urbanus Vlll. Bref. ad. Leg. Germ.)
14 DE ROZENKRANS OVERWOGEN.
Indien gij den vrede verlangt in uwe harten, in de huisgezinnen en in het vaderland, bidt dan alle avonden, gezamenlijk vereenigd, den Rozenkrans.
(Pius IX, Ex. divers, audient.)
Wijze van den Rozenkrans te bidden. 1)
In den naam des Vaders enz.
Wees gegroet, o Koningin, Moeder van barmhartigheid; ons leven, onze zoetheid en onze hoop, wees gegroet. Tot U roepen wij, verbannen kinderen van Eva; tot U verzuchten wij, kermende en weenende in dit dal van tranen. Welaan dan, onze Middtlares, keer uwe barmhartige oogen tot ons en toon ons na deze ballingschap Jezus, de gezegende vrucht uws lichaams. O goedertierene, o meedoogende, o zoete Maagd Maria.
^ Gedoog, o heilige Maagd, dat ik U love.
Versterk mij tegen uwe vijanden.
ij De gebeden, welke bij den Rozenkrans gevoegd worden, hetzij er vóór of er na, zijn niet verplichtend om de aflaten te verdienen.
DE ROZENKRANS OVERWOGEN. I 5^
GEBED.
Almachtige God, gewaardig U, terwijl wij, volgens verlangen uwer H. Kerk, ter eere der Allerheiligste Maagd en Moeder Gods Maria, de eerbiedwaardige geheimen van den H. Rozenkrans overwegen, ons goedgunstig met uwe genade te ondersteunen, opdat allen, die in U hopen, uwe kostbare hulp ondervinden en tegelijk met de verhooring hunner wenschen de kracht en verdiensten dezer geheimen verwerven mogen. Door denzelfden Jezus Christus onzen Heer. Amen.
Wij willen godvruchtig den H. Rozenkrans bidden tot eer en glorie van God en de Allerh. Maagd Maria, tot intentie van de Opperpriesters, de Pausen, die er de aflaten aan gehecht hebben; tot bekeering van alle zondaars; om door de H. Maagd onze geestelijke en tijdelijke behoeften, alsmede die der H. Kerk aan God te bevelen en tot lafenis der zielen in het vagevuur.
(Ieder kan deze meening of intentie naar goedvinden veranderen.)
|
é |
Het Is'' der blijde mysteriën. Boodschap des Engels. In het eerste der blijde mysteriën overwegen wij, hoe de H. Maagd Maria van den Aartsengel Gabriël de verzekering ontving, dat zij door de kracht van den H. Geest onzen Heer Jezus Christus zou ontvangen en ter wereld brengen. |
0 |
de rozenkrans overwogen. i 7
lste DER BLIJDE MYSTERIÃN.
Be Boodschap.
Vrucht: Nederigheid â verloochening van zich zeiven â dankbaarheid voor de onbegrijpelijke weldaad van de mensch-wording des Woords.
Liefdezuchten.
Woord Gods, verlichter der zielen, ik aanbid U, ik bedank U en smeek U in mijn hart te komen om er uwe woning te vestigen, gelijk Gij op het woord des Engels, tot zaligheid van alle menschen, in den maagdelijken schoot van Maria zijt nedergedaald. Geef mij de genade uwe vernederingen te begrijpen en na te volgen.
Onze Vnder â- Tien «Weesgegroetquot; âGlorie zij den Vader enz. of Heer geef haar de eeuwige rust enz. De HH.Namen van jezus, Maria, ]ozef enz.
Bezoek der H. Maagd,
I
n het tweede der blijde mysteriën overwegen wij, hoe de H. Maagd, na vernomen te hebben, dat de H. Elizabeth weldra moeder zou worden, oogenblik-kelijk vertrok om deze in haar huis te gaan bezoeken, en zij daar vervolgens drie maanden verbleef.
de rozenkrans overwogen. 19
â 2de DER BLIJDE MYSTERIÃN. Het Bezoek.
Vrucht: Liefde tot den naaste â God loven, omdat Hij ons door Jezus Christus verlost heeft.
Liefdezuchten.
De liefde en blijdschap doen U met spoed de bergen van Judea overschrijden, o doorluchtige Koningin des Hemels, en ik, terwijl ik U bewonder, zegen U en kus eerbiedig de indrukken uwer voeten. Ik roep U met uwe H. Nicht toe: Gezegend zijt gij boven alle vrouwen cn gezegend is de vrucht Uws lichaams. Ik loof met U den Heer, die U zoo groot gemaakt heeft. Verkrijg mij eene vurige cn werkdadige liefde tot mijnen evennaaste.
Onze Vader, als bladz. 17.
De geboorte van Jezus Christus.
I
n het derde der blijde mysteriën overwegen wij, hoe de H. Maagd, toen haar tijd aangebroken was, in de stad Bethlehem in het midden van den nacht, in eenen stal, tusschen twee dieren, onzen Verlosser Jezus Christus ter wereld bracht.
de rozenkrans overwogen. 21
........./ si....................................
3de DEE BLIJDE MYRTKRTKN. â =
De Geboorte des Zaligmakers.
Vrucht: De ontliecbting aan de goederen der wereldâde vrede des harten.
Liefdezuchten.
à hemelsch Kindje, ik aanbid U, terwijl Gij rust in de Kribbe! Ik zie U als een verstooteling der wereld, van alles beroofd, wat de natuur ten dienste der menschen aanbiedt. Niets luistert uwe geboorte op, zelfs geen licht; maar alles is armoede, ontbering, verlatenheid. Uwe Moeder bedekt U met een gedeelte barer kleederen en verwarmt U door hare omhelzingen, liefdezuchten en haar maagdelijken adem. O mijn Jezus, o eeuwig Woord, menschgeworden, doe mij de ijdelheid van de zaken dezer wereld inzien en maak mij een waar navolger van uwe armoede.
Onze Vader, als bladz. 17.
Opdracht in den Tempel.
In het vierde der blijde mysteriën overwegen wij, hoe de H. Maagd Maria, op den dag harer zuivering, Christus, onzen Heer, in den tempel opofferde en in de armen van den H. grijsaard Simeon overgaf.
U,«i|
de rozenkrans overwogen. 23
4cle DER BLIJDE MYSTERIÃN. Da Opdracht.
Vrucht: De zuiverheid â het ond ;r-houden van de Geboden Gods en die der H. Kerk.
Liefdezuchten.
Wij prijzen uwe nederigheid, o Maria» die U niet schaamdet U onder de andere moeders te rangschikken, toen Gij U in den tempel voor de zuivering aan-boodt. O vlekkelooze tempel van den H. Geest, Moeder van God en mijne Moeder, geef mij. evenals aan Simeon, uw dierbaar Kind.opdat ik Het aan mijn hart drukke en ik mij geheel aan Hem geve! Och, dat Jezus het heil mijner ziel zij, en dat ik nooit in mijn gedrag van zijne wet afwijke. Vermeerder in mijn hart de begeerte van nederig te zijn, opdat de kennis van Jezus in mij ook meer en meer aangroeie.
Onze Vader, als bladz. 17.
Het 5J' der blijde mysteriën.
Jezus in den Tempel teruggevonden.
I
n het vijfde der blijde mysteriën overwegen wij, hoe de H. Maagd Maria haren Zoon, na Hem verloren en drie dagen gezocht te hebben, tegen het einde van den derden dag in den tempel terugvond, in het midden der leeraren, welke Hij, toen twaalf jaren oud, met groote wijsheid aanhoorde en ondervraagde.
de rozenkrans overwogen. 25
5de DER BLIJDE MYSTERIÃN.
Jezus, teruggevonden in den 1 empel.
Vrucht: Het verlangen naar en het zoeken van Jezus. â Licht vragen in de keuze van een levensstaat of standvastig getrouw blijven aan de verplichtingen. welke aan den staat, waarin God ons geplaatst heeft, verbonden zijn.
Liefdezuchten.
Gij waart verblijd, Maria, toen Gij Uwen Zoon in den tempel in het midden der leeraren terugvondt en Gij be-droefdet U niet over zijn antwoord, toen Gij Hem uwe smart, wegens zijn verlies, te kennen gaaft. Gij begreept, welke verhevene plichten en bovennatuurlijke betrekkingen tot God Jezus aan de men-schen wilde leeren. Ik smeek U, o Maria, mij door uwe voorspraak te verwerven altijd naar de stem des Heeren te luisteren, opdat ik nu en altijd zijn H. Wil volbrenge, zonder mij te stooren aan de inspraken der natuur.
Onze Vader, als bladz. 17.
Het iste der droevige my sterL n.
Gebed en doodstrijd van Jezus in den hof der Olijven.
Jn het eerste der droevige mysteriën overwegen wij, hoe Onze Heer Jezus Christus, terwijl Hij in den hof bad, bloed zweette.
de rozenkrans overwogen. 27
lste DEE DROEVIGE MYSTE1UÃN.
Gebed en doods/rijd van Jezus in den hof der Olijven.
Vrucht: Berouw over de zonden. â Dikwijls herhalen : Uw wil geschiede.
Liefdezuchten.
Gaarne, o mijnJezus, wilde ik U volgen in uwe smartvolle afzondering van Geth-semane en mijne verzuchtingen en tranen met de uwe vereenigen, maar mijne zinnelijkheid bezwaart en weerhoudt mijne ziel en doet mij in mijne lauwheid inslapen, ü Heer, ik bedank U, dat Gij den lijdenskelk hebt willen aanvaarden en zooveel lijden voor mijne zonden. Geef mij de kracht om de moeielijkheden dezes levens geduldig en met liefde door te staan, en daarin altijd met U ie bidden; »Dat niet mijn, maar uw wil geschiede.quot;
Onze Vader, als b)adz. 17.
Het 2*' der droevige mysterién.
De Geeseling.
I
n het tweede der droevige mysteriën overwegen wij, hoe Onze Heer Jezus Christus wree-delijk gegeeseld werd en ontelbare slagen ontving in het huis van Pilatus.
ue rozenkrans overwogen. 29
2de DER DROEVIGE MYSTERIÃN.
Be Geeseling.
Vrucht: De versterving der zinnen â het geduld in de lichamelijke en geestelijke zwakheden.
Liefdezuchten.
Bij de beleedigingen en bittere veron-gelij kingen van onbeschaamde en lage booswichten, ondergaat Gij nog, o mijn Jezus, met onbegrijpelijk geduld en liefde eene allerwreedste geeseling! Welke les en welk verwijt voor mij, die zooveel toegeef aan de gemakzucht en zinnelijkheid van mijn weerspannig lichaam ! Gij, die onschuldig en rechtvaardig zijt, verdraagt zoovele slagen en ik, die aan zoovele ongerechtigheden schuldig ben, ontvlucht eene geringe boete. O mijn Jezus, geef dat het mij aangenaam zij met U te lijden!
Onze Vader, als bladz. 17.
|
IB | ||
|
0 $ L |
Het Jd' der droevige mysteriën. De Kroning met doornen, In het derde der droevige mysteriën overwegen wij, hoe Onze Heer Jezus Christus met zeer scherpe doornen gekroond werd. |
0 1 |
|
osG- m oêQ m o§a mtm | ||
de rozenkrans overwogen.
3cle DER DROEVIGE MYSTERIÃN.
De Kroving met doorven.
Vrucht: De versterving van geest en hart â om Jezus Christus te eeren, de eigenliefde aan de rede en de rede aan het geloof onderwerpen.
Liefdezuchten.
O goede Jezus, onze hoogmoed en de ontelbare verkeerde of ten minste nutte-looze gedachten en verbeeldingen, die onzen geest bevlekken, zijn streng in uw hoofd gestraft geworden met eene kroon van doornen. Ik zie het Bloed van uwe slapen en uw voorhoofd stroomen. Ach, dat dit Bloed, o Heer, mijn God, met doornen gekroond, mijn hoogmoed breke en mijn leven Uwer waardig make.
On/e Voder, nis bladz. 17.
31
Het 4d' der droevige mysteriën.
De Kruisdraging
I
n het vierde der droevige mysteriën overwegen wij, hoe Jezus Christus, na ter dood veroordeeld te zijn, nog de schande, moeite en pijniging moest ondergaan, van het zware hout des kruises op zijne schouders te dragen.
de rozenkrans overwogen. 33
4de DER DROEVIGE MYSTERIÃN. Jezus draagt zijn htm.
Vrucht: De moed om dagelijks zijn kruis te dragen â dikwijls het Bloed van Jezus Christus aanroepen.
Liefdezuchten.
Uw lichaam is verzwakt, o mijn Jezus, maar Gij brandt van verlangen om mij zalig te maken; Gij omhelst het kruis en begeeft U op weg naar Kalvarië. Gij besproeit den weg naar den berg met uw bloed; Gij bezwijkt driemaal onder uwen last, maar vervolgt evenwel met ijver den weg, die U naar het slachtofferaltaar geleidt. O Goede Jezus, maak mij waardig U naar den berg van Kalvarië te vergezellen door het kruis met liefde te omhelzen en te dragen.
Onze Vader, als bladz. 17.
11 ct 5d' der droevig e mysteriën.
De Kruisiging.
Jn het vijfde der droevige mysterien overwegen wij, hoe Onze Heer Jezus Christus, op den berg aangekomen, van zijne klcederen beroofd werd, met zeer scherpe nagelen aan het kruis werd vastgehecht en in het bijzijn zijner bedroefde Moeder stierf.
Q
DE ROZENKRANS OVERWOGEN. 35
rA DER DROEVIGE MYSTERIÃN.
]_)e Kruisiging.
Vriicht: Dikwijls aan den gekruislen Jezus denken â liefdevol zijne wonden kussen. â Medelijden hebben met de onvergelijkelijke smarten der H. Maagd aan den voet des kruises.
] /lEFDEZUCUTEN.
Gij zijt op het kruis uitgestrekt en vervolgens wreedelijk vastgenageld om voor onze verlossing te sterven. Ik aanbid U, o mijn Jezus, in uwe folteringen, in uwen doodstrijd, in uw sterven. Aan den voet des kruises wil ik voordeel doen met uw Bloed en uwe woorden. Ach moge ik, bij al mijne handelingen door de waarheid uwer woorden voorgelicht en mijne ziel in uw H. liloed gereinigd worden. O koningin der Martelaren, aanvaard mijn liefdevol medelijden en verkrijg mij door de smarten en den dood van Jezus, alsmede door uwe eigene kwellingen, de genade van altijd het zoete beeld mij ler gekruisigde liefde in mijn hart te dragen.
Onze Vader, als bladz. 17.
Het Is'' der glorierijke mysterïèn
De Verrijzenis \
Heer.
In het eerste der glorierijke mysteriën overwegen wij hoe Onze Heer Jezus Christus, op den derden dag van zijn lijden en dood, glorierijk en zegevierend verrees om niet meer te sterven.
de rozenkrans overwogem. 37
'1ste der GLORIKRIJKE MYSTERIÃN.
De Verrijzenis.
Vrucht: Geestelijkerwijze verrijzen van de zonde, met het vaste voornemen eene goede biecht te spreken en de gelegenheden te vluchten.
Liefdezuchten,
Cr Gezegend zij de heilige nacht, waarin Gij, o Koning van heerlijkheid, verrezen zijt. Ik dank U voor de talrijke verschijningen, waarmede Gij uwe vrienden vereerd hebt, om mijn geloof te versterken. Ik herhaal, o Heer, de uitnoo-diging der twee leerlingen, dieU tegen den avond vergezelden, zonder U te kennen: »Heer, blijfbij ons,wanthet wordt avond.quot; O Koning der eeuwigheid, blijf met mij, opdat de duivel geene macht uitoefene over mijne ziel, noch over iets, dat mij aangaat of toebehoort. Ontsteek in mij de begeerte U altijd bij mij te hebben Amen.
Onze Vader, als bladz, 17.
De Hemelvaart dos Zaligmakers.
I
n het tweede der glorierijke mysteriën overwegen wij, hoe Jezus Christus, veertig dagen na zijne verrijzenis in het gezicht van zijne allerh. Moeder en van al zijne leerlingen, zegepralend ten Hemel klom.
DE ROZEMKRAN'3 OVERWOGEN. 39
2(le DER GI.ORIERTJKE MYSTERIÃN.
T)e Hemelvaart dei Zaligmakers.
Vrucht; Verlangen naar den Hemel, ons gelukzalig vaderland â verscheidene akten van liefde tot Jezus Chri-stus.
Liefdezuch i en.
O Hier, mijn God, die ten Hem tl ge-Klommen zijt om Viezit re nemen van nwe heerlijkheid, gewaardig U ook voor mij eene plaats te bereiden, die reiziger op deze aarde ben met zoo weinig verlangen naar den Hemel. Doe mij in uwe woorden, waardoor Gij aan de rouwmoedige harten het eeuwige aanschouwen van God belooft, een onderpand vinden van mijne toekomstige /alighei l. Op dit oogenblik, o Heer, vereenig ik mij met uwe Kerk en smeek lT vurig de zielen, die mij dierbaar zijn en nog in het vagevuur lijden, met à den Hemel binnen te leiden.
Onze Vader als bladz. 17.
Het 3d' der glorierijke mysteriën.
De Nederdaling van den H. Geest-
I
n het derde der glorierijke mysteriën overwegen wij, hoe Jezus Christus, aan dc rechterhand zijns Vaders gezeten,dei H. Geest deed nederdalen over de Apostelen en de H. Maagd, in de eetzaal vergaderd.
de rozenkrans overwogen. 41
3de DER GLORIERIJKE MYSTERIÃN.
De Neder daling van den 11. Geest.
Vrucht: God boven alles beminnen â in staat van gratie blijven door de beoefening der christelijke deugden.
Liefdezuchten.
Maria en de leerlingen, van de wereld afgezonderd en in de eetzaal vergaderd, ontvingen de overvloedige gaven van den H. Geest en werden geheel en al van zijn licht doordrongen. Wat mij betreft, die in het midden der wereld leef en door hare ijdele redeneeringen bedwelmd ben, ik waardeer zoo weinig de genaden des Heeren. O Goddelijke Geest, wanneer zullen mij de ijdelheden der aarde tegenstaan, en zal ik de stilte en afzondering zoeken om uwe zoete en verkwikkende inspraken te ontvangen.
O H. Geest, onthecht mij aan de voorbijgaande beuzelarijen der wereld en verleen mij uwe gaven. Amen.
Onze Vader als bladz. 17.
Het 4'ie der glorierijke mysteriën.
De Opneming van Maria ten Hemel.
Ol
In
n het vierde der glorierijke mysteriën overwegen wij, hue de H. Mangd, eenige jaren na de verrijzenis van Onzen Heer, lgt;e)j uit dit leven scheidde en door de Engelen ten Hemel gevoerd werd.
O
DE ROZENKRANS OVERWOGEN. 43
4de DKR GLORIERIJKE MYSTERIÃN. Dn Opneming van Maria ten Hemel.
Vrucht: Standvastige en vurige godsvrucht tot Maria âHaar dagelijks vereeren door het bidden van den geheelen Rozenkrans.
Liefdezuchten.
Uw dood, o Maria, was het gevolg van een lie' 'volle aandrift om met uwen God L.i uwen Zoon Jezus ver-eenigd te worden. De dood had geene macht over U, en de Engelen voerden dien tempel van den H. Geest, waarin God de Zoon de menschelijke natuur had aangenomen, ten Hemel. O hoe schoon zijt gij, Maria, bij uwe Hemel-vaartl Uw voorhoofd schittert als het rood van den dageraad, en een gouden lichtglans omgeeft U. Gij waart overstelpt van geluk, toen U de toejuichingen en eerbewijzen van de koren dei-Engelen ten deel vielen. O, goede Moeder, breng ook mij daar, waar Gij zijt!
Onze Vader als bladz. 17.
Het 5de der glorierijke mysteriën.
De Kroning van de H, Maagd.
In het vijfde der glorierijke mysteriën overwegen wij, hoe de H. Maagd Maria in den Hemel door haar Goddelijken Zoon gekroond werd, en gedenken wij ook de heerlijkheid van alle Heiligen.
de rozenkrans overwogen. 45
6de DER GLORIERIJKE MYSTERIÃN
De Kroniny van de H. Maagd.
Vrucht: De volharding in de deugd. â Anderen aansporen om de H. Maagd te vereeren door het dagelijksch bidden van den Rozenlcrans.
Liefdezuchten.
O Dochter van God den Vader, Moeder van God den Zoon, Bruid van God den H. Geest, o Koningin van Hemel en aarde, ik vereenig mijne lofzangen en huldeblijken met die van de onvergankelijke scharen der Uitverkorenen, die U als hunne weldoenster begroeten. Hoe zoet zijn voor uw hart de woorden, die gij voor de eerste maal te Nazareth uit den mond des Engels vernaamt! Nu zal tusschen de hemelsche gezangen in eeuwigheid door duizenden stemmen herhaald worden: «Weesgegroet Maria!quot; Gewaardig U voor mij hier op aarde eene ware bron van hoop te zijn.
Bevrijd mij van de nachtelijke gevaren, van de hinderlagen des vijands, die niet slaapt, van de verschrikkingen der duisternis; ver-
46 de rozenkrans overwogen.
wijder van mij het overgroote ongeluk zonder voorbereiding in den slaap te sterven,
Onze Vader als bladz. 17.
Een »Onze Vaderquot; er. * Wees gegroetquot; ter eere van den H. Dominicus, insteller van den Rozenkrans.
Ant. O Licht der Kerk, Leeraar der waarheid, uitmuntend door geduld en zuiverheid, zonder eenige aardsche vergelding hebt Gij over ons het water der wijsheid uitgestort; o Prediker der genade, vereenig ons met de Gelukzaligen.
Gebed.
O God, die U gewaardigd hebt uwe Kerk door de verdiensten en leeringen van den H. Dominicus, uwen Belijder en onzen Vader, te verlichten, verleen ons door zijne voorspraak de genade nooit in tijdelijke zaken uwe hulp te missen en meer en meer geestelijken voorspoed te ondervinden. Door Jezus Christus onzen Heer.
Driemaal: Koningin van den allerheiligsten Rozenkrans, bid voor ons.
DE ROZENKRANS OVERWOGEN. 47
Get ad tct den H. Jozef, opgesteld door Z. H. Leo XIII cm na den rozenkrans gebeden te worden.
ot U, H. Jozef, nemen wij in onze kwelling onze toevlucht, en na den bijstand uwer aller-
_ heiligste Bruid te hebben afgebeden,roepen wij
ook uwe bescherming met vertrouwen in. Wij bidden U bij de lirfde, die U met de onbedekte Maagd cn Moeder Gods vereenigd heeft en smeeken U deemoedig bij de vaderlijke teerhartigheid, waarmede Gij het Kind jezus omhelsd hebt, goedgunstig neer te zien op het erfdeel, dat jezus Christus door zijn bloed verworven heeft en ons door uw vermogen en bijstand in al onze behoeften te ondersteunen.
Bescherm, o allerzorgvuldigste Bewaarder der H. Familie, de uitverkoren kindei en van lezus Christus; verwijder van ons. allerliefste Vader, iedere besmetting van dwaling en bederf: sta ons, allerkrachtdadigste Behoeder, uit den Hemel genadig bij in dezen strijd tegen de macht der duisternis; en gelijk Gij weleer het Kind Jezus uit het grootste levensgevaar gered hebt, verdedig nu eveneens de heilige Kerk Gods tegen de vijandige aanslagen en elk ander onheil; behoed ons allen door uwe voortdurende bescherming, opdat wij, naar uw voorbeeld en door uwe hulp, heilig mogen leven, zalig sterven en liet eeuwig geluk der» Memels verwerven. Amen.
De heilige Vader verleent een aflaat van zeven jaren en zevenmaal veertig dagen iedennaal dat men, in de maand October, dit gebed bij den Rozenkrans zal voegen, als deze in het openbaar gebeden wordt. â Telkens als men het op andere tijden van het jaar bidt, verdient men een aflaat van 300 dagen. S. C. Ind 21 Sept. 1819.
48 de rozenkrans overwogen.
Kleine KatecMsms van den Rozenlcrans.
1. Wat is de Rozenkrans ?
Een gebed of wijze van bidden, bestaande uit vijftien tientallen of tientjes van Weesgegroeten, ieder tientje voorafgegaan van een »Onze Vaderquot; en gevolgd door Glorie zij den Vader enz. of Heer geef haar de eeuwige rust. enz.
2. IVie heeft den Rozenkrans ingesteld?
De H. Dominicus op ingeving en verzoek van de H. Maagd.
Toen in de 13e eeuw de ketterij der Albigenzen het Zuiden van Frankrijk en het Noorden van Italië overweldigd had, en daar goddeloosheid en bederf bevorderde, verwekte God den H. Dominicus, die, reeds groot door ^de degelijkheid zijner «leering en het voorbeeld van zijne deug-»den en apostolische werken, in den geest «Gods, voor de vijanden der Katholieke «Kerk optrad, niet met geweld en wape-«nen, maar met een onbeperkt betrouwen «in de godsvrucht van den H. Rozenkrans, «welke Hij het eerst instelde en verbreidde. «Door deze nieuwe wijze van bidden, be-«gonnen de godsvrucht, goede trouw en «overeenstemming wortel te schieten, en de
DE ROZENKRANS OVERWOGEN. 49
«ondernemingen en listen der ketters verij-»deld te worden. Door diezelfde godsvrucht »\verden vele afgedwaalden op den recht-»ten weg teruggebracht en de omstuimig-»heid der ketters werd beteugeld.quot; 1) Sedert dien tijd is de godsvrucht van den Rozenkrans in de Kerk in eere geweest en heden neemt zij op het woord van Leo XIII eene nieuwe vlucht.
j. Is het voldoende deze gebeden alleen met de lippen ie bidden?
Neen, maar hart en geest moeten er deel aan hebben door de overweging der vijftien mysteriën.
4. Hoe worden de mysteriën van den Rozenkrans verdeeld?
In blijde, droevige en glorierijke mysteriën ; zij zijn in dit boekje in geregelde volgorde opgegeven.
5. Is het loffelijk de mysteriën van den Rozenkrans van buiten te kennen?
Dit is zóó goed, dat iedereen er eene eer in stellen moest, ze in zijne kinderjaren geleerd te hebben, omdat zij voor ons den weg bereiden tot de kennis van het verlossingswerk en van de on-
1) Z. H. Leo XITI. Encycliek van den i Sept. 1883.
5© DE ROZENKRANS OVERWOGEN.
eindige liefde, die God ons toedraagt. Zij doen ons ook hegrijpen, dat wij om op deze wereld en hiernamaals gelukkig te zijn, deugdzaam moeten leven, door de moeilijkheden met geduld te verdragen en Jezus Christus, die onze weg, onze waarheid en ons leven is, te beminnen.
6. Is het bidden van den Rozenkrans aangenaam aan de H. Mangd?
Zonder twijfel. De Rozenkrans is het voortreffelijkste gebed, dat men tot Maria richten kan. Hij, die getrouw zijn Rozenkrans bidt, zal door de H. Maagd met ontelbare gunsten overladen worden.
Inderdaad welke uitmunten der gebeden kunnen er zijn dan de 12 artikelen des geloofs, waarin wij verklaren alles te ge-looven, wat God geopenbaard heeft, en de H. Kerk ons voorhoudt! Het «Onze Vaderquot; waarin Jezus Christus zelf ons alles aan God doet vragen, wat zijne eer kan bevorderen en ons, zoowel naar het lichaam als naar de ziel, noodig is! Het «Weesgegroetquot; waardoor wij de H. Maagd, met den Engel Gabriël en de H. Elizabeth groeten en met de H. Kerk tot Haar bidden! Het «Glorie zij den Vaderquot; waarmede
DE ROZENKRANS OVERWOGEN. 51
ieder tientje eindigt, en dat als een weerklank is van üe lofprijzingen, welke God in den Hemel van zijne Engelen en Heiligen ontvangt!
7. Is de Rozenkrans door de H. Kerk goedgekeurd?
Ja. Hij is goedgekeurd en aanbevolen door de Opperpriesters, de Pausen, en vooral door Leo XlII.
8. Is de Rozenkrans met aflaten verrijkt ?
Ja. De Opperpriesters hebben ze in zoo groot aantal verleend, dat zij nauwelijks te tellen of te berekenen zijn. Ee-nige kunnen door alle geloovigen, die den rozenkrans bidden, verdiend worden; andere alleen door hen, die in de Broederschap geschreven zijn.
9. Wat wordt er vereischt of wat moet men doen om de aflaten te verdienen ?
1° In staat van gratie zijn, d. w. z. vrij van doodzonde, of ten minste moet men de zonden hartelijk betreuren en het voornemen hebben ze te biechten.
20 Men moet de meening hebben de
52 DE ROEENKRANS OVERWOGEN.
aflaten te verdienen, doch ofschoon het goed is deze tneening van tijd tot tijd te vernieuwen, is eene éénmaal gemaakte meening geldig en voldoende, zoolang zij niet vernietigd of herroepen is.
3. Men moet alles geheel volbrengen, wat tot het verdienen dezer aflaten is voorgeschreven, zooals Biecht, ook dan wanneer men in staat genade zou zijn. Communie, vasten, goede werken, kerkbezoeken enz. Het behoort opgemerkt te worden, dat zij, die om de acht da-gtn biechten, alle aflaten, welke in de week voorkomen, verdienen kunnen en dat, wanneer door de H. Communie verscheidene aflaten tegelijk te verdienen zijn, eene enkele Communie voldoende is.
10. Is het, om de aflaten te verdienen, onverschillig welken rozenkrans of pa ter-no ster men gebruikt!1
Neen. Hij moet van vijf, tien of vijftien tientjes zijn en gewijd door een Dominikaan of een anderen priester, die bevoegdheid ontvangen heeft om er de aflaten van den Rozenkrans aan te hechten. Bovendien wordt, tot verdienen van de aflaten der Broederschap, vereischt,
DE ROZENKRANS OVERWOGEN. 53
dat men ingeschreven zij.
11. Is het overwegen der mysteriën voor iedereen noodzakelijk om de aflaten te verdienen P
Ja. Maar deze overweging is gemakkelijk; dewijl zij niet meer eischt dan een godvruchtige herinnering aan het voorgestelde mysterie, bij wijze van een liefdevollen blik van den geest, dien men er op vestigt. Deze overweging kan men op drie manieren doen; vóór, gedurende of onmiddelijk na het bidden van het mondgebed. Benedictus XIII verleent de aflaten aan degenen, die de mysteriën niet kunnen overwegen, mits zij er naar streven zich aan deze overweging te gewennen.
12. Op welke wijze overweegt men de mysteriën?
Wanneer men b. v. het eerste der blijde mysteriën heeft uitgedrukt, vestigt men zijne aandacht eenige ooge.i-blikken op de goedheid van God, die mensch wordt om ons te verlossen, of op de waardigheid van Maria door Moeder van God te worden, of op de toe-
54 dk rozenkrans overwogen.
stemming, die zij aan den Aartsengel geeft door zich de dienstmaagd des Heeren te noemen, of op de dankbaarheid, die men ontegensprekelijk aan het vleeschgeworden Woord verschuldigd is. Uit de eene of andere van deze gedachten ontstaat in het hart eenige aandoening, die men laat voortduren, terwijl men het »Wees gegroetquot; bidt. Men behoort intusschen in aanmerking te nemen, dat hoe uitmuntend het ook is zich gedurende het geheele tientje het mysterie voor den geest te stellen, het evenwel voldoende is een liefdevollen blik van den geest op ieder mysterie te vestigen, nadat men het uitgedrukt heeft.
IJ. Is het onverschillig welk mysterie men overweegt, als men den Rozenkrans bidt?
Neen. Ieder mysterie moet overwogen worden gedurende het tientje, waarbij het behoort. Dit heelt zijne reden. Immers de Rozenkrans bevat in nauwkeurige orde het begin, de voltrekking en de gevolgen onzer verlossing, zoodat men van de boodschap des Engels
DE ROZENKRANS OVERWOGEN. 55
tot aan de kroning der H. Maagd de voornaamste waarheden van den godsdienst doorloopt, en de godvruchtige ziel zich, om zoo te zeggen, verlustigen en verkwikken kan in de groote feiten van het menschgeworden Woord Gods, door ze in hunne natuurlijke en geschiedkundige opvolging na te gaan. Beredeneerde of juiste en volkomen orde draagt meer bij om te onderrichten, het geloof te verlevendigen, de hoop op te wekken en de liefde tot God te doen ontvlammen.
14. Is het nuttig de mysteriën te overwegen ?
Ja, zonder twijfel, omdat zij ons de grondwaarheden van den godsdienst herinneren, n 1. de menschwording des VVoords, zijne geboorte uit eene Maagd, zijn lijden en zijnen dood aan het kruis om ons vrij te koopen, de verrijzenis, de nederdaling van den H. Geest en de heerlijkheid, die Jezus Christus voor ons verdiend en ons beloofd heeft.
15. IVat is de Broederschap van den Rozenkrans?
s6 DE ROZENKRANS OVERWOGEN.
Eene vereeniging van geloovigen, welke door de Roomsche Opperpriesters goedgekeurd en met aflaten verrijkt is, ea tot bijzonder doel heeft de Koningin van den Rozenkrans te vereeren.
ió. Welke hulde bewijzen de leden aan de Koningin van den Rozenkrans ?
Het bidden van vijftien tientjes van den Rozenkrans in den loop van iedere week; men kan liet bij gedeelten doen.
17. Doen de leden zonde, als zij verzuimen den wekelijkschen Rozenkrans te bidden ?
Neen, maar zij worden niet aan de bijzondere aflaten deelachtig.
18. Welke voordeden geniet men, als men in de Broederschap van den Rozenkrans opgenomen is r
Zeer vele gedurende het leven en ook na den dood. De voornaamste zijn; dat men deelpchtig wordt aan alle gebeden en goede werken van de mannelijke en vrouwelijke religieuzen der orde van den H. Dominicus en eveneens aan die van al de medeleden. Vervolgens de volle aflaat in het uur des doods
DE ROZENKRANS OVERWOGEN. 57
en de vruchten der talrijke goede werken en voorbiddingen, waarop men na den dood recht heeft.
ig. Wat moet men doen om lid te worden van de Broederschap van den Rozenkrans ?
Niets wat moeilijk is: i0 De opneming geschiedt zonder kosten. 2° Men behoeft slechts naar eene kerk der Do-minikanen te gaan, waar de Broederschap opgericht is, en daar zijn naam op te geven. 30 Daar waar geen Domi-nikanen gevestigd zijn, is de Broederschap wellicht in eene parochie van de gemeente opgericht. 40 Zou dit niet het geval zijn, dan kan men toch altijd zijn naam opzenden naar eene Broederschap in de nabijheid of naar eene kerk van de orde van den H. Dominicus.
20. Kunnen de overledenen ook in de Broederschap geschreven worden P
Ja, door vergunning van de Pausen, opdat de zielen aan de goede werken en voorbiddingen zouden deelachtig worden.
21. Behooren de ware dienaars van
$8 DE ROZENKRANS OVERWOGEN,
de H. Maagd zich tevreden te stellen met éénmaal per week vijf tien tientjes te biddenr
Voorzeker neen. Na deze verplichtende of voorgeschreven hulde bewezen te hebben, moeten zij al hun ijver in het werk stellen om dagelijks, volgens den wensch van Leo XIII, met de huis-genooten ten minste vijf tientjes van den Rozenkrans te bidden en deze oefening aan anderen aan te bevelen.
22. Welke zijn de regels voor het verdienen van den vollen ajlaat (Toties Quo ties) op het feest van den Rozenkrans, den iquot;'* Zondag van October?
In de lijst der aflaten van den allerh; Rozenkrans, bekrachtigd door Pius IX Z. G. den 18 September 1862, leest men in S 4:
»De Leden, en alle andere geloovi^en, »die rouwmoedig gebiecht en gecommuni-»ceerd hebben, tot gedachtenis aan de «groote overwinning, welke het christenleger »door de voorspraak van do H. Maagd op »de Turken behaalde, en vanaf de eerste «vespers tot den ondergang der zon op den «feestdag, godvruchtig de kapel van den
DE ROZENKRANS OVERWOGEN. 59
«Rozenkrans (of het beeld van O. L. Vrouw »van den Rozenkrans, daarbuiten ten toon «gesteld, i) Heilige Congr: der Aflaten 25 »Jan. 1866) bezoeken en daar bidden voor »de zegepraal der Kerk, enz. verdienen zoo i)dikwijls zij dit doen, zooveel malen den svollen aflaat.quot;
Alle geloovigen, ook zij, die niet in de Broederschap van den Rozenkrans geschreven zijn, hebben de volgende verplichtingen :
10 De sacramenteele biecht doen, zelfs dan nog, als zij verzekerd zouden zijn geen doodzonde bedreven te hebben; doch het is niet noodzakelijk de absolutie te ontvangen. Men kan daags voor het feest biechten. De biecht kan achtergelaten worden, als men de gewoonte heeft alle weken te biechten. 20 Te Communie gaan, wat ook daags te voren en in iedere kerk kan geschieden. 30 Voor eiken vollen aflaat, dien men wil verdienen, moet men een bezoek doen in de kapel of bij het beeld van den Rozenkrans, welk beeld gewoonlijk buiten de kapel geplaatst is; doch alleen in kerken, waar de broederschap kerkelijk opgericht
1) Men zou voor kaftel kunnen lezen; in Italië
zijn de kerken, over het algemeen, zoo ingericht, dat rij twoc ryen van zTjlc^pcTVrn bcvatWnj vtm^velke fctfe'r hmrr ah*ar taMft.
6o DE ROZENKRANS OVERWOGEN.
is. Dit laatste is niet toepasselijk op religieuzen die in kloostergemeente leven en lid der Broederschap zijn, noch op de geloovigen van beiderlei kunne (eveneens in de Broederschap geschreven) die in colleges, semi-nariën en andere inrichtingen leven of tot een katholieke vereeniging behooren. Dezen kunnen allen de aflaten verdienen door hunne eigene kapel of bidplaats te bezoeken. 40 Deze bezoeken kunnen beginnen na de eerste vespers en worden voortgezet tot den ondergang der zon op den feestdag. Men moet bidden tot intentie van 2. H. den Paus, die den aflaat verleend heeft. Zes- of zevenmaal het Onze Vader, Wees gegroet en Glorie zij den Vader enz. of andere gebeden, die men hiermede gelijk kan stellen, zijn voldoende; maar de gebeden moeten uit vrije godsvrucht gedaan worden en niet verplichtend zijn. 50 Als men na een bezoek onmiddellijk een ander wil beginnen, gaat men een oogenblik uit de kerk en keert er dan weder in terug. 6» Men kan de aflaten, bij wijze van voorbidding, aan de zielen des vagevuurs toevoegen, hetzij aan een of meer bepaalde zielen, hetzij aan alle in het algemeen. 70 Als in kerken de plechtigheid en openbare viering van het feest van den Rozenkrans om gegronde redenen tot een anderen dag uitgesteld wordt, zijn de aflaten op_ dien dag
DE ROZENKRANS OVERWOGEN. 6l
te verdienen. (H. Congr. der aflaten 9 Aug. 1852, toegestaan door Pius IX) 80 Eindelijk, zij die op het feest van den Rozenkrans de aflaten reeds verdiend zouden hebben, kunnen die elders bij gelegenheid van een verstelden dag niet meer verdienen. (H. Congr. der Afl: 14 Dec. 1877.)
Aflaten, welke aan alle geloovigen, die ten minste met een rouwmoedig hart den * geheelen rozenkrans of het rozenhoedje bidden, verleend zijn:
Een aflaat van honderd dagen voor ieder «Onze Vaderquot; en elk «Wees ge',roetquot; (Benedictus XIII.)
Ãénmaal in het jaar een vollen aflaat, als zij iederen dag ten minste het rozen hoedje gebeden hebben. (Benedictus XIII.)
Ãénmaal per dag een aflaat van tien jaren en tienmaal veertig dagen, als zij, in huis of in de kerk, met andere personen het rozenhoedje bidden. (Pius IX.)
Een vollen aflaat op den laatsten Zondag van iedere maand, als zij, ten minste driemaal per week, met anderen het rozenhoedje zullen gebeden hebben.
De volle aflaat To ties q noties op den feestdag van den Rozenkrans, (istcn Zondag
62 DE ROZENKRANS OVERWOGEN.
van October) als zij een kerk bezoeken, waarin de Broederschap opgericht is. Op dezelfde wijze verdienen zij den vollen aflaat op een dag der octaaf van den Rozenkrans.
Voornaamste gedeeltelijke aflaten voor de leden der Broederschap.'J
1. Ãénmaal per dag een aflaat van vijftig jaren voor het bidden van een rozenhoedje in de kapel der Broederschap of op cene plaats, vanwaar men het altaar dier kapel zien kan. (Adrianus VII, l April 1523.) Dezelfde aflaat is verleend aan hen, die zich op verren afstand van de plaats hunner Broederschap bevinden, en het rozenhoedje bidden onverschillig in welke kerk of bidplaats. (Clemens VIII 6 April 1594 en 23 Maart 1599.)
2. Ãénmaal per dag honderd jaren en honderdmaal veertig dagen, als men, wegens zijne fouten rouwmoedig gestemd, den Rozenkrans godvruchtig bij zich draagt. ~ (Innocentius VIII 27 Febr. 1488.)
3. Hij, die iedere week den Rozenkrans van 15 tientjes in zijn geheel of bij gedeelten bidt, verdient, als hij met gevoelens van berouw bezield is, een aflaat van tien jaren en tienmaal veertig dagen. (Leo X.) BovemUeTi zeven jaren en zeven maal veer'-
DE ROZENKRANS OVERWOGEN. 63
tig dagen. (H. Pius V.)
4. Als men het rozenhoedje bidt; voor het uitspreken van den H. Naam Jezus na de woorden: Gezegend is de vrucht uw lichaams, telkens vijf jaren en vijfmaal veertig dagen, d. w. z. 2025 dagen voor ieder ))Wees gegroet''. (Een aflaat, welke door Pius IX bekrachtigd is en vervolgens nog door Leo XIII in 1886.)
Voornaamste volle aflaten, welke aan de leden der Broederschap verleend zijn.
1. Op den dag hunner aanneming in de Broederschap, mits zij, gebiecht en gecommuniceerd hebbende, bidden tot intentie van Z. H. den Paus. (H. Pius V 17 Sept. 1569. Clemens VIII 13 Januari 1592.)
2. Den eersten Zondag van de maand als zij, na gebiecht en gecommuniceerd te hebben, de kapel van den Rozenkrans bezoeken, ofwel de processie bijwonen, welke op dien dag in dï kerk der Dominikanen gehouden wordt. (Gregorius XIII 24 October 1577. Paulus V 15 Apiil 1608.)
3. Op ieder voornaam feest van de H. Maagd. (Gregorius XIII 12 Maart 1577.) Op den feestdag van den Rozenkrans (1 sten zondag van October) de volle aflaat Tuties quoties d. w. z. iedere maal dat men eene
64 DE ROZENKRANS OVERWOGEN,
kerk der Broederschap bezoekt. [H. Pius V 1571. Clemens VIII 13 en 18 Januari 1592.]
4. Op de dagen, waarop een mysterie van den Rozenkrans gevierd wordt. (Grego-rius XIII, 5 Mei 1581) Op H. Drievuldig-heidszondag. (Innocentius IX.)
5. Op den 3dcn Zondag van April en het feest van den Patroonheilige der Kerk.
6. In het uur des doods, als men, ten minste met het hart, den H. Naam Jezus aanroept. Daarenboven worden de leden der Broederschap zoowel in het leven als na hunnen dood, deelachtig aan de goede werken, die in de geheele orde van den H. Dominicus verricht worden, wijl de alge-meene Oversten dierzelfde orde dit vergund hebben.
Het altaar van den Rozenkrans is geprivilegieerd, wanneer er de H. Mis voor een overleden lid der Broederschap opgedragen wordt. (Gregorius XIII 1592.)
De aflaten van den Rozenkrans zijn alle toepasselijk op de zielen des vagevuurs. (Innocentius XI, 31 Juli 1769.)
Verscheidene Pausen hebben aan de ingeschreven leden der Broederschap van den Rozenkrans een groot aantal andere volle en gedeeltelijke aflaten verleend, welke door Z. K. Pius IX den 18 Sept. 1862 bekrachtigd zijn.
Zie in de negende, tiende en elfde vraag van den Kleinen Katechismus van den Rozenkrans de voorwaarden tot het verdienen der aflaten.
Je. Je. J
A A
A...
De ^()J(er(krfaT^'
üYerwogen iet onzen H. Vader, flea
Kerkelijk goedgekeurd.
Prijs ft o,to. °SgS'-
Bij getallen ter verspreiding:
12 ex. fl 1,10 â 25 ex. 2,10 -50 ex. 4,â â 100 ex. 7,50.
Bij denzelfden uitgever is mede verkrijgbaar:
-plaaije
a
Tomo-
3ez ^igt;octe £ieve 10 u iu vatt den cBo^cfv,
voorzien van verschillende gebeden met aflaten verrijkt, kerkelijk goedgekeurd.
Prijs per stuk.........fl 0,05
» » dozijn........fl 0,50
Bij grootere getallen minder in prijs.
quot;»«â quot;sjr sjf quot;sequot;
*r
V V quot;SSquot;