_
.
13
ak @1
HET EINDE NABIJ???
; S vÃmÃSÃi' â ' ⢠vquot;
136 =
STOOMDRUK. - EOUARO IJDO. - LEIOEN.
Vak
/H*
Het Einde nabij???
DOOR
ALEX. VAN DE BOORN.
Derde vermeerderde Druk.
LEIDEN,
J. W, VAN LEEUWEN,
Uitgever en Antiq. Boekhandel. â Hoogewoerd No. 8quot;,
1896.
IMPRIMATUR.
|
Voorschoten, Die 15 ^ov. 1896 |
M. BE RN SEN, Librorum Censor. |
Voorbericht voor den derden druk.
Ons boekje heeft de belangstelling van Nederland weten te wekken. De twee eerste uitgaven zijn spoedig uitgeput, de derde gaat, met dit voorwoord, de wereld in.
Wij kunnen niet nalaten onzen dank te brengen aan hen, die ons hebben gesteund. Een enkel woord echter over de zaak Bataille-Vaughan, welke men met de bewijsvoering van ons boekje heeft willen verwarren. Ons werkje, het geheim van La Salette behandelend in verband met de profetiën van fr. Hermann en Malachias, heeft met de zaak Bataille-Vaughan niets te maken, 't Is waar, wij hebben Bataille en Vaughan aangehaald, doch met geen van beiden staan of vallen onze bewijzen voor het geheim van La Salette.
Men kan onmogelijk beweren, dat wij door Bataille of Vaughan de openbaring van Melania hebben bewezen. Wij illustreerden hier en daar met aanhalingen uit deze anti-maconnieke schrijvers, meer niet.
Men verwarre de zaken niet!
Wij bewezen niets uit Bataille of Vaughan, we noemden hunne namen en citeerden uit hunne werken, waar deze ons boekje konden illustreeren. â
Op andere aanvallen, welke we met den besten wil der wereld niet voor eerlijk kunnen houden, wenschen wij niet te antwoorden. Ons betichten van kwade trouw, van speculeeren
6
op de goedgeloovigheid der Katholieken, is nog niet het tegendeel bewijzen van hetgeen wij met feiten hebben gestaafd.
We zenden dezen derden druk in de wereld met een eerlijke, oprechte meening.
Vast en innig zijn we overtuigd, dat de samenleving staat aan den vooravond van schokkende gebeurtenissen.
Ons gevoelen werd nog bevestigd, toen we dezer dagen van den Eerw. Heer Em. Combe het werkje ontvingen âLe Grand Coupquot; en door een bijgevoegde circulaire vernamen, dat de opdracht van dit boekje door Z. H. den Paus is aanvaard.
Leo XIII heeft een nieuw blijk willen geven van zijnen eerbied voor de openbaring van La Salette.
Want ook ,,Le Grand Coupquot; behandelt de openbaring der twee herderskinderen, en tracht te bewijzen, dat God, die Voorzienig en Eechtvaardig is, aan den overmoed der boozen een eind moet stellen. Vandaar de geloofwaardigheid van Melania's geheim, dat een groote overwinning onzer kerk als aanstaande voorspelt.
Abbé Combe vergelijkt verder de openbaring van La Salette met het XXIV Hoofdstuk van Isaïas.
We hebben de meeste verzen van Isaïas uit r Le Grand Coupquot; overgenomen en ze in den derden druk ingelascht.
Wij hopen hiermede een grootere volledigheid te hebben bereikt.
Den lezer heil.
DB SCHRIJVER.
Clem damp;n
âAan den ernstig en lezerquot;, zouden we willen schrijven. Want tot hem is dit geschrift gericht.
Gij, die tot geenen prijs wilt opgeschrikt worden uit de dommelige rust van uw dagelijksch bestaan, die leeft om bekoord te worden en gestreeld, wiens levensbeschouwing zelden verder reikt dan de vage grenzen van het aardsche, wiens liefde tot waarheid en ernst daar eindigt, waar zinnelijke prikkeling heeft opgehouden, leg dit werkje ter zijde en glimlach om de kleingeloovigheid der eenvoudigen.
Loth waarschuwde de inwoners van Sodoma en vond scherts slechts en spot. Visus est eis loqui quasi ludens. (Genesis XIX : 24.)
Wij vragen van den lezer een deugdelijken ernst, een eerlijke oprechtheid. Dat hij niet loslippig. ons gevoelen beame, dat hij wikke en wege. Dan vreezen we zijn oordeel niet. Onze innige en vaste overtuiging dat we staan aan den vooravond van geweldige tijden, zal hij deelen. Daar is Lasalette, Fr. Hermann, Malachias!
Welke wonderlijke overeenkomst! Bijna 50 jaren klonk reeds Gods waarschuwende stem door den mond van Melania, de eenvoudige herderin van Lasalette ; vele der voorspellingen zijn vervuld in deze sombere halve eeuw; de groote Catastrophe dreigt.
Ons scheen het een daad van goede christelijke liefde, opnieuw met klimmende bezorgdheid te wijzen op het geheim van Melania ; en schoon meerdere voorspellingen, wier waarde of hoog geschat óf onbetwistbaar aangenomen,
de openbaring bevestigen van Lasalette '), hebben we enkel gekozen de algemeen bekende prophetieën van Malachias en Pr. Hermanh, om hun treffende overeenkomst met de jongste openbaring. In verband met deze lassehen wij ze in dit geschrift. De authenticiteit der prophetieën, welke we naar hooggeacht aansporen gemeen goed wenschen te maken, achten we onbetwistbaar; we geven echter, ondanks een ijverig bestudeeren van zeer gewaardeerde verklaarders gaarne toe, dat de aard zulker profetieën medebrengt een groot verschil van meening en opvatting; dat we ons zeer gemakkelijk omtrent het juiste tijdstip der vervulling-kunnen vergissen, doch we leggen den meesten klem op de wonderlijke overeenkomst, die ons gebleken is te bestaan tusschen de profetiëen van Malachias., van Fr. Hermann, van Lasalette; we achten liet alleszins zeker, dat alledrie wijzen op een naderende vervulling der tijden, op groote en geweldige beroeringen, welke niet verre meer kunnen zijn. Op deze tijden doelde reeds Joseph de Maistre toen hij schreef: âSchrikbare voorspellingen zeggen ons dat de tijden zijn gekomenquot; en Z. H. Pius IX in Zijne Allocutie van 22 Juni 1871: âDe Heer moge ons helpen; hij bereidt een zoo schriklijk wonder, dat de wereld met verbijsterden schrik zal geslagen zijn.quot; Thans moge een overzicht der profetiëen volgen. Vooraf echter wenschen we te verklaren bij voorbaat elk woord, elk gevoelen, elke waardeering terug te nemen, welke niet in den strengsten zin des woords zou overeenkomen met de leer onzer heilige Moeder de Katholieke, Apostolische en Roomsche kerk, wier zoon wij het voorrecht hebben te zijn.
1) We noemen slechts: Psalm CIX, [saias XXIV, Anna Maria Taïgi, Canori MyoRA, Maria ue Brotter.
De Prophetie van den H. Malachias.
De H. Malachias werd geboren in den jare 1094 te Armagh in Ierland. Achtereenvolgens was hij abt van Benchor, bischop van Conor en eindelijk aartsbisschop van Armagh (1127). Zijn herderlijke ijver, zijn schoon en heilig voorbeeld wekte nieuw godsdienstig leven in het lersche aartsbisdom. Met innig leedwezen zagen dan ook de ge-loovigen hem heengaan in het jaar 1135, toen God hem riep voor eene groote bijzondere zending naar de stille afzondering des kloosters; dertien jaren later stierf de vrome man in de armen van den H. Bernardus in het beroemde klooster van Clairvaux. Zijne profetie, bestaande uit een lijst der toekomstige pausen, staat reeds ruim drie eeuwen geboekt in de bladen der historie; en zij, die beweren dat deze voorspelling is vervaardigd gedurende het Conclave van 1590 voor de aanhangers van Kardinaal Limoncelli , worden hoe langer zoo geringer in getal en aanzien. Malachias duidt de toekomstige pausen aan in een omschrijving; ze bevat gewoonlijk een zinspeling op de namen der pausen, hun wapen, geboorte, talenten, op den titel van hun kardinalaat, de waardigheden welke ze bezaten, de ernstige gebeurtenissen, waaraan ze deelnamen, de beproevingen die ze ondergingen, de vorsten en keizers welke hen vervolgden. Van eenige dier benamingen springt de duidelijkheid aan-
10
stonds in het oog. Perigrinm apostolicus, b.v. apostolische reiziger voor Pius VI; aquila rapax, roofarend, voor Pius VII, Crux de cruce, het kruis van het kruis, voor Pius IX, lumen in coelo, het licht aan den Hemel, voor Leo XIII. Wij drukken enkel het voor ons belangrijke gedeelte af: te beginnen bij den 90sten paus der lijst.
90. De bonareligione, over den goeden godsdienst; Innocentius XIII, 1721.
91. Mills in hello, soldaat in den oorlog; Benediktus XIII, 1724.
92. Columna excelsa, de opgeheven kolom; Clemens XII, 1730.
93. Animal rurale, het landdier; Benediktus XIV, 1740.
94. Rosa Urnbrioe, de roos van ümbrië; Clemens XIII, 1758.
95. Visus velox, het doordringend gezicht; Clemens XIV,
96. Peregrinus apostolicus, de apostolische pelgrim; Pius VI, 1775.
97. Aquila rapax, de roofarend; Pius VII, 1800.
98. Canis et coluber, de hond en de slang, Leo XII, 1823.
99. Vir religiosus, de godsdienstige man; Pius VIII, 1829.
100. Be balneis Etruriae, over de baden van Etrurië; Gregorius XVI, 1831.
101. Crux de cruce, het kruis van het kruis; Pius IX, 1848.
102. Lumen m coeto, het licht aan den hemel; Leo XIII. 1878.
103. Ignis aniens, het brandende vuur.
104. Religio depopulata, de verwoeste godsdienst.
105. Fides intrepida, het onverschrokken geloof.
106. Pastor angelicus, de engelachtige herder.
107. Pastor et nauta, herder en loods.
108. Flos florum, de bloem der bloemen.
109. De mediëtate lunae, over het midden der maan.
11
110. De lahore solis, over het werk der zon.
111. De gloria oliva, over den luister van den olijf.
112. In persecutione extrema sacrae romanae ecclesiae sedebit Petrus li omemus, quipascet oves in muit is tribulationibus, quibus transactis, civitas septicollis diruetur, et judex tremendus judicabit populum. Gedurende de laatste vervolging der heilige roomsche Kerk zal een romeinsche Petrus zetelen op den H. stoel; hij zal de schapen te midden van groote verdrukkingen weiden. Daarna zal de stad der zeven heuvelen verwoest worden, en de geduchte rechter zal de volkeren oordeelen.
II.
De Prophetie van Fr. Hermaim.
Deze prophetie is zeer bekend bij onze Oostersche naburen en bij het Duitsche hof niet het minst. Ze wordt toegeschreven aan een Cistenser monnik Hermann genaamd, die leefde in het Branderburgsche klooster Lehnin. Het eerst is ze gedrukt in 1723 onder den titel van Frater Hermann redivivus (bij Schütze in den bundel Gelehrtes Preussen).
Gedrukt in 1723 ....
Ook toen geschreven? Dan ware elk historisch feit gemakkelijk te teekenen. Doch na 1723 tot op onze dagen is de voorspelling met niet minder nauwkeurigheid vervuld. Geen enkele reden dus om aan het laatste gedeelte van Hermann's Vaticinium den titel van prophetie te weigeren. Het bescheiden formaat van dit geschrift is een alleszins geldige reden om strikt ons te bepalen tot ons doel: Fr. Hermann's Vaticinium en Malachias lijst der pausen stemmen overeen; het Secretum van Lasalette bevestigt ze en schenkt bijzonderheden, waarvan vele reeds in vervulling zijn; allen wijzen echter ontwijfelbaar op aanstaande, schokkende beroeringen.
Geven we ons echter de voldoening enkele feiten te geven, waardoor de echtheid van het Vaticinium vóór 1723 o. i. overduidelijk wordt bewezen.
13
Binterim zegt in een brief aan Dr. Wenner dat hij een handschrift had gezien van het stuk, wiens datum klom tot 400 jaren.
In de laatste helft der 17de eeuw maakte een monnik van de Congregatie van üursfeld een afschrift van de profetie. Het origineel door hem gecopiöerd, was eveneens 400 jaren oud.
In 1481 bezat Gteorg David Meijer een exemplaar geschreven op acht bladzijden perkament door een monnik uit Lehnin, genaamd Burghard. In 1599 werd dit stuk gecopiëerd door een Benediktijner monnik J. Speer.
De jongste broeder van Joachim I, keurvorst van Brandenburg, Albertüs, gestorven in 1549, schonk aan de bibliotheek van Mainz een afschrift van het Vaticinium... etc.
De uitgave van het Vaticinum in liegensburg a0 1873 geeft een ware overvloed van dergelijke feiten, welke den strengsten lezer moet tevreden stellen.
Volgen hier de laatste 24 verzen der Voorspelling.
Het geheel is geschreven in 100 Latijnsche Hexameters.
De opvolger zal de voetstappen des
vaders niet drukken.
Bidt, mijne broeders, en gij, moeders laat vrijen loop aan Uwe tranen. De gunstige teekens voor een gelukkige regeering bleken ijdel.
Niets goeds blijft overig; vlucht
inwoners des lands.
Dra echter wordt hij verplet, geknakt naar lichaam en ziel. Sidderen zal dra de jongeling terwijl een groote prinses zal jammeren, als ze moeder wordt. Wie echter zal den staat uit zijn verwarring opheffen ?
70. Qui successor erit patris | haut vestigia terit.
77. Orate Fratres, lacrymis ne parcite matres.
78. Fallit in hoe nomen laeti regiminis omen.
79. Nil superest boni, veteres migrate coloni.
80. En jacet exstinctus, foris quassatus et intus.
81. Mox juvenis fremit, dum magna puerpera gemit.
82. Sed quis turbatum potent refingere statum ?
Frederik Wilhelm I. 1713-1740.
Frederik II. 1740-1786.
14
|
Frederik Willem II. 1786-1797. Fred. Willi. III. 1797â1840. Fred. Willi. IV. Wilhelm I. 1840â18G1-1888 |
83. Vexillum tanget, sed fata crudelia planget. 84. Flantibus liic austris vi-tam vult credere claustris. 85. Qui sequitur pravos imitatur pessissimus avos. 86. Non robur menti, nou adsunt numina genti. 87. Cujus opem petit contra-rius hie sibi stetit. 88. Et perit in undis, dum miscet surnma prnfundis. 89. Sed populus tristis, flebit temporibus istis. 90. Natus florebit, quod non sperasset habebit. 91. Nam sortis mii ae viden-tur fata venire. 92. Et priuceps nescit, quod nova potentia creseit. 93. Tandem sceptra gerit, qui stemmatis ultimus erit. 94. Israel infandum scelus audet, morte piandum. 95. Tunc pastov gregem, reci-pit Germania regern. 96. Marcl lia, cunctorum peni-tus oblita inalorum. 97. Ipsa suos audet fovere nec advena gaudet. 98. Priscaque Lebnini sur-gent et tecta Coroni. |
Hij zal zijn standaard verheffen, maar zich beklagen over het wreede noodlot. Door zachten wind gestreeld, wil hij zijn leven slijten in een klooster. De zeer verdorven opvolger zal zijn slechte vaderen navolgen. Geen geestkracht zal de vorst, geen godsdienst het volk bezitten. Wiens hulp hij inriep, zal zich keeren tegen hem. En in het water zal hij omkomen, terwijl hij alles ten onderste boven had gekeerd. Het droeve volk zal echter tranen storten in dien tijd. Zijn zoon zal voorspoed hebben en erlangen wat hij niet had durven hopen. Want de teekenen van een wonderlijk fortuin schijnen gekomen. En de vorst weet niet dat een nieuwe macht aangroeit. Eindelijk zal den scepter dragen, hij die de laatste zal zijn van zijn geslacht. Israel waagt een geweldige misdaad, welke slechts de dood kan uitwis-schen. Dan zal de herder zijn kudde, Duitsch-land zijn koning terugvinden. Marchia, al zijne beproevingen vergetend. Vreest niet, zijn eigen kinderente begunstigen ; en de vreemdeling zal zich niet meer verheugen. De oude muren van Lehnin en de daken van Coron zullen herrijzen. |
99. Et vetei i more, clerus De geestelijkheid is als vroeger een splenilescit honore. voorwerp van eerbied.
100. Nee lupus nobili plus En de wolf belaagt niet meer de insidiatur ovili. edele kudde.
Ziehier de laatste 24 verzen.
Vestigen we onze aandacht op de laatste verzen. Den Lezer, die in bijzonderheden een degelijke verhandeling wenscht te lezen van deze profetie, verwijzen we naar het Octobernummer 1885 der Dublin-Review of naar de âAlliance Anti-Juivequot; (October 1891) of âHisto-risch-Politische Blatter (A0 1895. Band 114. Blz. 663). Voor ons hebben de laatste verzen slechts belang. Vers 93 wijst ons op een vorst, wien het lot zeer gunstig zal zijn. De ziener nadert hier het einde zijner visioenen. Nog slechts zeven verzen beschrijven den loop der historie. Hij, die door alle eeuwen heen ellende zag en schrikbaar lijden, hij schijnt getrokken door het glorende Vredelicht (vers 95); met ongeduldigen spoed dringt hij door het duister, waarin de schemering reeds trilt eener heldere Victorie.
Een lang en gewichtig tijdsgewricht wordt in deze verzen doorloopen. Prederik Wilhelm IV wordt in één adem genoemd met den grooten Wilhelm I. De Ziener schijnt de beide broeders slechts in één visioen te hebben aanschouwd.
Doch de glorie van den eersten Duitschen Keizer schijnt hem streelend, hij wijdt drie verzen aan deze roemvolle regeer ing.
Fata sortis mirae! Een wonderlijk fortuin begunstigde voorzeker Wilhelm I. Gerugsteund door zijn grooten minister, zijn grooten veldheer, erlangde hij, wat hij in zijn stoutste droomen van roem en eer en grootheid en macht, niet had durven verwachten (vers 90). Wien kan men met meer recht een wonderbaar fortuin toekennen dan den overwinnaar van Königgratz, van Sodowa, van Sedan?
16
Dan zal den scepter zwaaien hij, die de laatste zal zijn van zijn geslacht (vers 93).
Dit vers en de volgende, welke zoo treffende overeenkomst toonen met de Openbaring van Lasalette wenschen we in het vierde Hoofdstuk met de slotregels der andere voorspellingen te vergelijken. Eerst willen we trachten het groote geheim van Lasalette in eenige korte trekken te schetsen, zooals het is aan den dag gebracht door Mgr. Graaf van Zola, bisschop van Lecce en IJngento, verdedigd door vele vrienden der Waarheid, verdedigd op last des pausen door Amadée Nicolas, advocaat te Limoges, in zijn werk Defence et Explication,1)zooals het verspreid is en verklaard door den priester Ernest Rigaüd, Chevalier d'Honneur della Santa Casa in zijne âAnnales des Croisés de Mariequot; en onlangs met hooggewaardeerde uitlegging verrijkt, van Kerkelijke Goedkeuring voorzien, dooiden Kanunnik Dr. August Rohling, Professor aan de R. K. Universiteit te Praag, bij het Duitsche volk is ingeleid. Zooals de lezer zal bemerken, hebben we vooral waar het uitlegging of verklaring gold, dit Kerkelijk goedgekeurde werk, gevolgd.
') Om aan de oflicieele opdracht des pausen te voldoen, heeft A. Nicolas drie werken geschreven: Defense et Explication du Secret de Melanie de la Salette, le amp; 2e druk 1880. Première et deuxième réponse a des attaques contre le Secret ISSOâ1881 â Nouvelle défense du secret de la Bergère des Alpes, 1884. â Uitgave van Clavel et Chastanier, â rue Pradier 12. â Nimes.
III.
De Openbaring van Lasalette.
Ik zegen van ganscher harte La Salette.
Leo XIII.
Door Mgr. Graaf van Zola werd, zooals boven door ons reeds werd aangemerkt, de voorspelling, waarmede Gods Heilige Moeder de jeugdige en schuldelooze herderin begiftigde, het eerst in druk gegeven. Deze prelaat, vroeger de leidsman der kleine profetes, later als bisschop haar vaderlijke vriend en raadgever, weet niet genoeg de deugden van M el an ia , haar ootmoed, haar liefde tot de waarheid te roemen; hij acht haar bovendien begaafd met eene bijzondere helderheid van geest, als hij getuigt voor God, âdat de deugden harer ziel en de gaven van haren geest zijne bewondering afdwingen, âdat haar stichtend leven, haar brieven en geschriften de gevoelens van hoogachting en bewondering diep drukken in zijn hart.quot; Het geschrift, dat deze bisschop van Lecce later in het licht gaf is door het H. College der Kardinalen onderzocht, door de Pausen Pi us IX en Leo XIII goedgekeurd.
Onze roemruchtig regeerende Paus, de groote, de vrome en heilige vooral, koestert een diepen eerbied voor de begunstigde profetes, hij schonk haar meermalen zijnen zogen en ontving de Maagd in meerdere particuliere audientiën. In
O
18
Hoofdstuk VI zullen we nader beschouwen de bijzondere gunsten, welke de beide laatste pausen hebben geschonken aan Melania en hare zending. Bij het verhaal der ontmoeting, hoe schoon ook in den eenvoud der woorden, in de verhevenheid der teedere gevoelens, zullen we hier en daar een klein gedeelte door .... vervangen. We vertalen enkel â de bescheiden omvang van dit werkje noopt ons er toe â hetgeen strikt noodzakelijk is tot de verdere kennis der gansche openbaring.
1.
De ontmoeting van Melania eu Maximin.
Melaota verhaalt;
âDen ISen September 1846 was ik, als gewoonlijk alleen en hoedde de vier koeien van mijnen heer.
Omstreeks elf uur voor den middag zag ik een kleinen knaap tot me komen. Ik schrok bij zijne verschijning, wijl ik meende, dat het niemand onbekend was, hoe ik elk gezelschap schuwde. De knaap kwam naar me toe en zeide: âkleine, ik kom bij u, ik ben van Corpsquot; 1). Bij deze woorden kwam mijn slechte inborst boven en ik zeide, terwijl ik eenige schreden terugweek: âik wil geen gezelschap, ik wil alleen zjjn.quot; Toen ging ik weg, maar de kleine jongen volgde mij en zeide: âkom, laat me bij u blijven, mijn meester heeft me geraden, mijne koeien bij de uwe te voegen ; ik ben uit Corps.quot; Weer liep ik weg, beduidde met mjjne hand geen gezelschap te willen en ging zitten op het gras. Daar sprak ik met de kleine bloemen van Onzen lieven
Een dorpje in de nabijheid.
19
Heer. Na eenige oogenblikken zag ik om en bemerkte, dat Maximin zich in mjjne onmiddelijke nabijheid had neergevleid. Snel sprak hij: âLaat mij hier, ik zal heel lief zijn.quot; Maar mijn slechte natuur luisterde naar geen reden. Haastig stond ik op, vluchtte verder, zonder hem een woord toe te voegen en zette me neer om weer te spreken met de bloemen van den lieven God. Dan, Maximin was aanstonds ter plaatse om mij te betuigen, dat hij zeer lief zoude zijn, dat hij geen woord zoude spreken, dat hij zich verveelde zoo gansch alleen, dat zijn meester hem tot mij had gezonden enz. Toen had ik medelijden en gaf hem een teeken tot zitten.quot;
Roerend is de eenvoud, de heldere onschuld dezer kleinen, Als de Angelus klept vouwen ze samen hun handen en bidden; ze deelen hun middageten en dalen tegen den avond samen den berg af om elkander den volgenden dag weer te zien. Melaxia verhaalt verder;
2.
Tweede outinoeting met den herdersknaap.
âDen volgenden dag, den 25sten September, bevond ik me weer bij Maximin ; we stegen samen den berg op. Ik vond, dat Maximin zeer zoed, zeer eenvoudig was, dat hij gaarne sprak van Hem, van Wien ik wilde spreken; ook was
hij zeer toegevend.....
âHet was reeds laat in den morgen; ik zei aan Maximin, dat hij bloemen moest plukken om een altaartje ^te bouwen , . .
!). Hier is bwioeld een ruwe zitplaats, van steenen opgebouwd, welke men met bloemen bedekte. Wij noemden liet altaartje, omdat aldus vertaald, liet oorspronkele woord «Paradisquot; aan duidelijkheid wint.
20
âWe voerden onze koeien naar de aangeduide plaats en namen onzen bescheiden maaltijd; dan droegen we steenen aan en bouwden ons altaar. Plet werd geheel door bloemen van verscheiden kleur bedekt en door kransen, welke we ophingen aan gevlochten bloemenstengels.
âEén groote steen dekte (als sluitsteen) het altaar; deze hadden we gansch met bloemen bestrooid.
âHet altaar was gereed, we beschouwden het. Toen kwam de slaap over ons; we sliepen in op de graszoden, ongeveer twee schreden van onzen bouw. Een schoone Vrouwe gaat rusten op ons altaar, zonder het te doen invallen.
3.
De Yerscliijning en liet Gesprek.
âToen ik ontwaakte en mijne koeien niet meer zag, riep ik Maximin en beklom den kleinen heuvel. Vandaar zag ik, dat onze koeien rustig graasden en ik ging weer naar beneden. Maximin steeg; plotseling zag ik een groot licht, schitterender dan de zon. Nauwelijks kon ik de woorden spreken: âMaximin ziet ge daarbeneden? O mijn God!quot; Den staf, welken ik in de hand hield, liet ik vallen. Ik kan niet beschrijven, welk zoet gevoel op dit oogenblik in mij trilde, een gevoel, dat me trok, een heilige eerbied van liefde gelouterd; myn hart zou mijn tragen gang willen vooruitsnellen. âIk schouwde zeer scherp in dit licht, dat onbeweeglijk was, en wen het zich had gescheiden, bemerkte ik een ander licht, veel schitterender dan het eerste; het bewoog zich en ik zag in dit licht een zeer schoone vrouw, die zat op ons altaarken en het hoofd liet rusten in hare handen. Deze schoone vrouw verhief zich, kruiste hare armen, zag ons aan en zeide:
21
âKomt hier, mijne kinderen, hebt geen vrees; ik ben hier om n een groot nieuws te verkonden.quot;
Deze zachte en zoete woorden maakten, dat ik tot haar snelde; mijn hart had zicli aan haar willen hechten en voor immer. Toen ik zeer dicht de schoone vrouw was genaderd , vóór haar en aan hare rechterhand, ving ze aan met spreken; tranen begonnen uit hare schoone oogen te vlieten.
âAls mijn volk zicli niet wil onderwerpen, zal ik gedwongen zijn, de hand mijns zoons los te laten. Ze is zoo zwaar en drukkend, dat ik ze niet langer kan weerhouden. Hoe lijd ik voor u, sinds den aanvang der tijden.
âAls ik wil, dat Mijn Zoon u niet verlaat, moet ik hem zonder ophouden bidden. En dit bekreunt u niet. Ge hebt goed bidden en vasten, nimmer zult ge de moeite kunnen vergelden, welke ik voor u op mij heb genomen.
âIk heb u zes dagen gegeven om te arbeiden; den zevenden had ik voor mij bestemd en ge wilt hem mij niet geven. Dat is liet, wat den arm mijns zoons zoo zwaar maakt. Degenen, welke den wagen voeren (van den Staat) weten niet te spreken, zonder den naam mijns Zoons te mengen in het gesprek. Dat zijn de twee zaken, welke den arm mijns Zoons zoo zwaar maken.
âAls de oogst mislukt, is het slechts uwe schuld; ik heb dit het vorig jaar getoond aan de aardappelen; het bekreunde u niet; integendeel, als ge bedorven vruchten vondt, hebt ge gevloekt en den naam mijns Zoons misbruikt. Het bederf zal verder wroeten en met Kerstmis zullen er geene aardappelen meer zijn.quot;
Hier trachtte ik het woord aardappelen te begrijpen ik meende te verstaan: appelen. De schoone en goede vrouw ried mijne gedachten en begon weder aldus:
22
âGij verstaat het niet, mijne kinderen. Ik zal het opnieuw zeggen: Als de oogst mislukt schijnt dit voor u niets; ik heb dit het vorig jaar getoond aan de aardappelen en het bekreunde u niet; integendeel, als ge bedorven vruchten vondt, hebt ge gevloekt en den naam mijns zoons misbruikt. Plet bederf zal verder wroeten, en met Kerstmis zullen er geene aardappelen meer zijn.
âAls ge koren hebt moet ge het niet zaaien.
âAlles wat ge zult zaaien, zal door de dieren worden opgegeten; wat opkomt, zal vergaan tot stof' als ge het dorseht. 1)
âEen groote hongersnood zal komen. ^ Vóór dezen zullen de kinderen beneden de zeven jaren van een sidderen worden bevangen en sterven in de handen van degenen. die ze dragen 2); de overige menschen zullen boete doen wegens den honger. De noten zullen slecht worden , de druiven bederven.''3)
Hier toefde de schoone vrouw, welke mij aantrok, een oogenblik zonder zich te laten hooren; ik zag echter hoe ze voortging hare lieftallige lippen minzaam te bewegen, als sprak zij. Maximin ontving alsdan zijn geheim. Daarna wende zich de Heilige Maagd tot mij en sprak tot mij, en gaf mij een geheim in de Fransche taal. Dit geheim, volledig zooals zij het mij gaf, luidt als volgt:
Luxit vindernia infirmataest vitis.
1
â ) Isaïas XXIV 4:
2
) Een lokale ziekte in die streken: identiek met hetgeen de medici «tremble squot; noemen.
3
') Isaias XXIV 7,
De wijnoogst is gering, de druif bederft.
23
Het Geheim.
âMelanie, hetgeen ik u thans ga zeggen, zal niet altijd verborgen blijven. Gij moogt het openbaren in denjare 1858quot;.
De eerste der volgende alinea's meenen we wederom gevoeglijk te kunnen weglaten. Zo vermanen de priesters en religieusen en wekken hen op tot godsvrucht, tot ijver voor het heil der zielen.
Afzonderlijk zijn deze regels verschenen in de âAnnales des Croisés de Mariequot; welke te Limoges, Boulevard du College 19, worden uitgegeven.
Het origineel, van hetgeen we thans gaan mededeelen , berust in handen van Z. H. den paus.
Twee gedeputeerden des bisschops van Grenoble begaven zich, nadat het bisschoppelijk onderzoek was geëindigd, den 18en Juni 1851 naar den Heiligen Vader en stelden Z. H. de behoorlijk verzegelde brieven ter hand.
Het feit der wonderbare verschijning was door de bisschoppelijke overheid als feit vastgesteld, de paus echter zou als Hoofd der kerk het eerst deelachtig worden aan de gunst, der nederige dochter zijner kerk geschonken door God.
Het geheim van Maximin, den kleinen herdersknaap, in godsvrucht en ootmoedig vertrouwen den Isten Maart 1875 ontslapen, berust eveneens in handen Zijner Heiligheid, maar is tot heden nog het geheim van den H. Stoel. Het behandelt den korten tijd van rust en bloei, welke op de naderende Catastrophe zal volgen. âHetgeen ik u thans ga zeggen zal niet altijd verborgen blijven'' sprak de H. Maagd. Melania mocht haar geheim openbaren in 1858.
24
In 1858 .... De Orsini-bommen sprongen in Parijs en noodden Napoleon tot den oorlog met Italië. Had toen het eenvoudige herdersmeisje een krachtigen steun gevonden en de openbaringen der zoete moeder tegen de valsche, sijfe-lende staatkunde van een Napoleon gesteld, veel ware met Gods hulp verijdeld misschien. Dan, Napoleon heeft het voorzichtig geoordeeld de prophetiën van Lasalette, die zoo scherp zijn huichelend karakter geeselden, zoo duidelijk het aanstaande fiasco zijner avontuurlijke regeering teekenden, met de schuldelooze Hcmelsbode uit het land te verwijderen.
Handlangers verlaagden zich tot snoode helpers van den valschen Vorst; Melania werd gevoerd naar Engeland, zoodat in 1879 eerst hare voorspellingen liet licht zagen.
De détails van Melania's vervolging vindt men in het werk van den advocaat /V. Nicolas (Nimes 1881) âDefense et Explicationquot;.
Het eerste gedeelte van het geheim, A, behandelt het tijdsgewricht van 1859 tot het optreden van een grooten katholieken monarch, die de vijanden der kerk zal terugdringen ; een groote paus zal op den Stoel van Petrus eendrachtig met hem strijden tot rust en vrede is weergekeerd bij de volkeren.
Dan zal de katholieke missionaris, beschermd door een eerlijk en machtig protectoraat, ongestoord doordringen tot de heidensche volksstammen en allen zal de genade des geloofs worden verkondigd. Het tweede gedeelte van het Secretum bevat de bijzonderheden over de komst en de regeering van den Anti-Christ. quot;Wij duiden het aan met een B. Tusschen de tijdperken A en B zal de rust heer-sciien gedurende 25 jaren.
Het geheim van Maximin geeft de bijzonderheden van dit tijdperk.
25
A.
Van 185J) tot het optreden des grooten Monarchs.
a. Algeraeene toestanden.
Al. 1. God staat op het punt van te slaan op eene voorbeel-delooze wijze.
2. Wee den bewoners der aarde. God zal zijn ganschen toorn â uitstorten en niemand zal zich aan zooveel vereende rampen humeri onttrekken. ').
3. De Oversten, de leiders van het volk Gods, hebben het gebed en de boetedoening verwaarloosd en de duivel heeft hun verstand verduisterd; ze zijn dwaalsterren geworden, welke de oude draak zal wegvegen met zijn staart, opdat ze vergaan. God zal de oride slang vergunnen, verdeeldheid onder de regeeringen te zaaien, in ade vereenigingen, in elk huisgezin; men zal lijden onder physieke zoowel als moreele rampen; God zal de menschen aan zichzelven overlaten en straffen zenden, welke meer dan vijfendertig jaren elkander zullen opvolgen.
4. De gemeenschap staat aan den vooravond van schriklijke geesels, van groote gebetirtenissen; men nioet voorbereid zijn, geregeerd te worden door ijzeren roeden en te drinken den kelk van Godes toorn. 2)
h. Besc lir ij vi ng in Bijzonderheden.
5. De stedehouder mijns zoons, paus Pius IX, zal nu l8^g Rome niet meer verlaten; hij zij echter standvastig en vastbe-
|
') Isaïas zegt Hoofdst XXIV vs. 1: Ecce Dominus dissipabit terrarn, et nudabit eam, et allliget faciem ejus, et disperget habitatores ejus. ') Isaias XXIV 3. Dissipatione dissipabitur terra, et dereptione praedabitur. |
Zie, de lieer zal de aarde verwoesten, hij zal ze dor maken en â¢zijn aangezicht bedekken van droefenis; hij zal alle bewoners der aarde verstrooien. Ue aarde zal verwoesting lijden, op verwoesting, zij zal overgeleverd zijn aan plunderingen van elke soort. |
26
raden en strijde met de wapenen des Geloofs en der Liefde; ik zal niet hem zijn.
6. Hij mistrouwe Napoleon; in zijn hart is deze een huichelaar; en als hij tegelijk pans en keizer zal willen zijn, zal God dra Zijne hand van hem aftrekken; hij is de adelaar, die, immer opwaarts strevend, storten zal in het zwaard, waarvan hij zich wilde bedienen, om de volkeren te dwingen hem te laten opstijgen.
7. Italië zal gestraft worden voor den overmoed, waarmede het des Heeren juk heeft willen afschudden. Het zal worden overgeleverd aan den oorlog ; het bloed zal vloeien naar alle zijden; de kerken zullen gesloten en ontheiligd worden, de priesters, de religieusen zullen worden verdreven, men zal dooden en gruwelijk dooden. . . .
8. Dat de Paus zich hoede voor de wonderdoeners; want de tijd is gekomen dat de meest verrassende schijnwonderen op aarde en in de luchten zullen geschieden.
9. In het jaar iSbjj. zal Lucifer met een groot aantal duivels worden losgelaten; ze zullen allengs kens het Geloof onttrekken zelfs aan Godgewijde personen; zij zullen ze op eene wijze verblinden, dat, zoo ze door een bijzondere genade niet worden bewaard, deze personen den geest dier booze engelen zullen aanvaarden.
10. De slechte boeken zullen talrijk zijn op aarde; de geest der duisternis zal overal eene verslapping teweegbrengen van alles, wat betreft den dienst des Heeren; zij zullen een groote macht over de Natuur hebben; kerken zullen er verrijzen om deze geesten te dienen.
11. Personen, zelfs priesters, zullen door den boozen geest worden gedragen van de eene plaats naar de andere, omdat ze niet doordrongen waren van den waren geest des Evangelies, die een geest is van ootmoed, van liefde, van ijver voor Gods eer.
27
12. Men zal doodeti en [zelfs) rechtvaardigen opwekken, dat wil zeggen: dusdanig bewerken dat duivels, in de gedaante van rechtvaardigen, welke vroeger op aarde leefden, verschijnen otn des ie beter de menschen te verleiden', deze zoogenaamde verrezenen, welke slechts duivels zijn in de gedaante dier menschen, ofwel zielen van verdoemden, zullen een ander Evangelie prediken, dat zij zullen stellen tegen het Woord van Christus, en hetwelk het bestaan des hemels zal loochenen. Al deze zielen verschijnen als vereenigd met hunne lichamen. Overal geschieden schjnwonderen, wijl het ware geloof is verstikt en een valsch licht de wereld beschijnt ....
13. De Stedehouder mijns Zoons zal veel te lijden hebben, wijl de Kerk voor een tijdlang aan groote vervolgingen zal worden overgeleverd; dat zal de tijd [zijn der duisternis; de kerk zal een vreeselijke crisis hebben te doorstaan.
14. Daar het H. Geloof aan God is vergeten zal ieder individu zijn eigen meester ZDillen zijn, en zich willen verheffen boven zijns gelijke. Men zal het burgerlijk en kerkelijk gezag willen afschaffen, alle recht zal met voeten worden getreden; men zal slechts moord, haat, nijd en tweedracht zaaien zonder liefde voor het vaderland en de familie.
15. De H. Vader zal veel lijden. Ik zal met hem zijn tot aan het einde, om zijn leven als een offer van zoete geuren aan te nemen.
16. De boozen zidlen dikwijls zijn leven in gevaar brengen, zonder zijn dagen te kunnen verkorten; maar noch hij, noch zijn opvolger, die slechts korten tijd zal regeer en, zal de triumf zien van Gods Kerk.
17. De Staatsbesturen zullen allen slechts cén doel hebben, n.l. elk begrip van godsdienst te verdringen en uit te roeien, om plaats te maken voor het Materialisme, het Atheïsme, het Spiri-
isme en andere soorten van godslasteringen.
IV.
Wonderlijke Overeenkomst der Prophetieën.
Den aandachtigen lezer zal deze overeenkomst allicht zijn opgevallen.
Wat voorspelt ons Malachias van de naaste toekomst? We zijn gekomen tot den 108en paus der lijst. De laatste stedehouders zijn geteekend met eene duidelijkheid, welke allen twijfel verre houdt.
Crux de cruce: Pius IX.
Het verradelijk huis van Savoye leidde den aanval tegen den roemrijken lijder; Crux de cruce: in zijn standaard voerde de roofridder het H. toeken van Verlossing; de paus ontving zijn kruis dus van het kruis, het werd hem opgelegd door den adelijken dief, wiens wapen ter Eeuwige Schande het symbool droeg van Liefde.
En Leo XIII? Lumen in Coelo.
Bij de keuze van dezen paus werd Malachias voorspelling reeds verklaard door de ster, die in het Wapen van den Graaf van Pecci haar stralen schiet van den Hemel, en wij, zijne tijdgenooten, die eer en roem stellen in onzen roem-ruchtigen kerkvorst en paus, we zien op naar dat licht, vol eerbied en dankbaarheid, we koesteren ons in de weldoende stralen, die dringen van de hoogte des Vaticaans, ânog altyd de hoogste hoogte der wereldquot;, door de duisternissen van alom.
29
Weinige pausen beschreef Malachias met eenzelfde klare helderheid. Lumen in coelo is Leo XIII die thans zetelt op Romes stoel.
Hem zullen volgen: Ignis ardens: brandend vuur, religio depopulata, ontvolkte godsdienst en fides intrepida: onverschrokken Geloof.
Beslist zeker voorspellen deze benamingen niets, maar we vinden in geen geval eene aanleiding om tijden te hopen van vrede en rust.
Integendeel, beschouwd in verband met de andere pro-phetiën verklaren ze veel.
Slaan we op het Vaticinium van den abt Hermann.
De eerste Duitsche keizer is gestorven sinds lang, zijn glorievolle regeering is voorbij; Prederik Wilhelm I, die luttel tijds, slechts eenige maanden, in treurige ziekte aan het hoofd stond van den Staat, wordt door den Ziener niet gemeld, hij ijlt naar de overwinning zijner kerk, hij spreekt van den tegenwoordigen vermaarden keizer Wilhelm II in één enkel vers slechts: âhij zal de laatste wezen van zijn geslacht.quot;
Maar dan â en dit is zoo belangrijk om de overeenkomst der andere prophetieën, ondanks de vrede, welke hem tegon-gloort in het zegepralen van zijnen godsdienst, vergeet de Ziener het donkere tydperk niet, aan welks vooravond wij thans staan. Meer; hij teekent beslist den aanlegger dier onrust, hij noemt Israel, en de schanddaad, welke het zal wagen laaghartig! infandum sce 1 us !
Bang mag zeker ons harte slaan; de gloeiende haat van den Jood, sinds Christus vloek nooit getemperd, maar aangevuurd door het eeuwenlang worstelen, het marren en hunkeren naar het uur der wrake, de macht van hun goud, die Vorsten omknelt en Staten klampt aan hun heillooze
30
plannen, van liun meesterschap in de duivels en sectarisch woedende loge, doen terecht ons vreezen voor den stond, waarop ze meenen het wereldrijk te kunnen stichten; waarop zij, die sinds lange jaren kanker stortten in de krachtigste organismen van den Staat, hun geheime krachten, als een net de wereld overdekkend, zullen opstellen tegen de ondermijnde machten der Staten.
Sed morte piandum, zegt Fr. Hermann en prins von Metternich vertaalt ons dit vers zoo treffend juist, als hij de groote Staatsman, met een diepen blik in de huidige toestanden onzer maatschappij van de Joden voorspelt:
âZij zullen der wereld een vreeselijken dag baren, welke waarschijnlijk een nog vreeselijker voor hen zal doen opgaan ').
Thans La Salette.
Ook de H. Maagd sprak de kinderen van benarde tijden, en tijden, die aanstaande zijn. En met een nauwkeurigheid, welke ons doet sidderen voor de naaste toekomst.
Men leze de vier eerste alineas van het Secretum. Ze omschrijven in eenige trekken den algemeenen toestand.
âGod zal straffen zenden welke meer dan 85 jaar elkander zullen opvolgen.quot;
âVijfendertig jaren en meerquot; â wat hebben wij hieronder te verstaan.
Dr. August Rohling, professor aan de R. K. Universiteit van Praag verklaart ons dit aldus in zijn kerkelijk goedgekeurd werk:
Deze 35 jaar en meer beduiden naar bijbelsche opvatting-vijf zeventallen van jaren -J- eenige jaren meer. Deze jaren bedragen echter nooit het volle zevental.
Zeven is in den Bijbel het symbolisch getal voor den
') fjnivers, 20 Juni 1859.
31
bond, welken de Drieëenige God met de aarde naar alle windstreken wil sluiten. (Dan. 7).
Tegen dezen bond strijdt de zondige menschheid door haar verdrag met Satan; zij hoopt op een volkomen, duurzame overwinning, en tracht, een goddeloos rijk stichtende, te bewijzen dat de belofte eener eeuwige, onsterfelijke kerk Gods een dwaze waan is.
Aan dit rijk belooft ze een oneindig bestaan en duidt het derhalve in de Symboliek der getallen aan door het teeken tien, hetwelk naar de tien vingers der hand het geheel, het bestendige, het volkomene aanwijst.
Aan de kerk is thans een straf voorspeld, van ruim 5 X ^ jaren en hierdoor zou worden beduid, dat de hoop der vijanden op een langen duur van hun verbond met Satan, zal verijdeld worden, dat ze niet eens 10 X ^ jaren zullen triomfeeren, dat de wondervolle tusschenkomst des Hemels (waarvan sprake is in A. c. van het geheim) hen zal verpletten, als ze iets meer dan 5 X ^ jaren zullen hebben geregeerd.
Daar de openbaring der voorspelling in 1858 mocht geschieden, loopen de volgende vijfendertig jaren van 1859â 1894 en omsluit het âen meerquot; in alle geval geen volle zevental van jaren. Met den aanvang des jaars 1900 zouden we dus de groote Catastrophe, den aanvang der overwinning mogen verwachten. Ongestoord zal tot dien tijd de macht en de sluwheid van Satan regeeren over het ongelukkige menschdom, de oversten hebben het gebed en de boetedoening verwaarloosd, ze gaan voor in het bedrijven der snoodste ongerechtigheden. De oude slang zal verdeeldheid zaaien in de regeeringen, in alle vereenigingen, in elk huisgezin. De banden van het huisgezin strengelen niet meer zijn Christen leden in liefde en eendracht samen; het
32
huwelijk is verlaagd en zijn trouw en zijn heiligheid in handen gelegd van aardsche rechters; het kind, ontrukt aan den schoot der familie wordt jong reeds gevoed met den geest van ongeloof, den geest onzer eeuw, men zal lijden zegt La Salette, onder physieke, zoowel als moreele rampen.
De rampen worden vervolgens in détails beschreven. Wij missen de bijzonderheden bij vroegere voorspellingen. Malachias geeft ons een vermoeden. Hermann duidt een t|jd van rampen aan en noemt den aanlegger; de koninginne der profeten teekent echter nauwkeurig en stap voor stap. Zij begint met een waarschuwing aan de pausen. En de twee groote kerkvorsten, die beide een teedere achting toedroegen aan de geheimen van La Salette, ze hebben beide den raad der H. Moeder getrouwlijk gevolgd; ze hebben Home's grondgebied, zelfs de stad Rome niet meer verlaten.
Zou het zijn om de kuiperijen der Loge te voorkomen? Om te beletten dat de vijanden der Kerk een nieuwen paus, een anti-paus zouden opwerpen in Rome, zoodra de ware paus in een ander oord zou zijn gestorven?
Misschien.
Er wordt gekuipt en ge\vroet in het oude Rome; de eertijds onschendbare majesteit des Pausen wordt beleedigd en gehoond; de veile schaamteloosheid viert eerlooze triumfen onder de oogen van den reinen en heiligen grijsaard; Leo XIII is gevangen in zijn Vaticaan, gekrenkt in zijn heiligste gevoelens, belemmerd in de uitoefening van zijn hoogheilig ambt; en toch â hij blijft in Rome de paus, hij lijdt en zal sterven in Rome.
Alinea 6. Napoleon III!
33
Wilt ge scherper teekening van den dubbelzinnigen ') Keizer en zijn berucht: âfaites, mais faites vite?quot; Van hem, die den paus bedreigde, als Z. H. het leerstuk der onfeilbaarheid zou verheffen tot dogma, die âpaus wilde zijn en keizerquot; tegelijk?
âSfinx tot in den doodquot; 2) avonturier van nature, greep hij naar het zwaard; edoch, hij stortte, zooals Melania had voorspeld, in het zwaard, hetwelk hem had moeten verheffen; de oorlog van 1870 eindigde met zijn val, met Sedan !
Alinea 7. Van Italië is blijkbaar nog niet alles vervuld, wat in het Secretum staat geschreven.
Wel is het rijk gestraft, we lezen in de Maasbode van 17 Dec. 1895 een getuigenis van professor Bonghi , leeraar aan eene Italiaansche Staats-universiteit;
âEen altijd toenemende druk van belastingen, een immer stijgende moeielijkheid om te leven, immer meer verspreid discrediet over onze instellingen, zedelijk verval der men-schen, partijdrift en sektehaat, vermindering van arbeid in
') Napoleon III was sinds zijn drie-en-twintigste levensjaar geaffilieerd aan de sekte der Carbonari, welke hem met den dood dreigde, zoodra hij weigerde hunne bevelen op te volgen.
En Napoleon mocht deze revolutionnaire bent niet immer ter wille zijn. Was hij niet met behulp der conservatieven tot de hoogste macht geraakt in den Staat? Daarom verborg hij gedurig de plannen, welke gericht waren tegen Oostenrijk en den Paus.
Toen hij echter draalde, kwam de sekte door hare Orsini-bommen hem aan zijn gehoorzaamheid herinneren. Van dien tijd af was zijn leven een gedurig veinzen en huichelen, een tegenspraak tusschen woorden en daden. Hij deed schoone beloften ⢠aan den Paus, doch pleegde tegelijkertijd tegen Z. H. het schandelijkst verraad. Wel was hij een huichelaar in zijn harl!
') Dr. SCIIAEPMAN.
34
de steden, op de dorpen door achteruitgang en traagheid van het geestesleven en daling der marktprijzen, tyrannie der gemeente- en provinciale besturen; ziedaar ons schoon Italië.quot;
Het Secretum voorspelt meerdere gruwelen:
âDe kerken zullen gesloten en ontheiligd worden â herinneren we ons hoe de grootsche St. Pieter geprofaneerd is door den zelfmoord van een Italiaan (7 Januari 1896) â âhet land zal worden overgeleverd aan oorlog; priesters en religieusen zullen gruwelijk quot;worden vermoord.
Kan deze voorspelling onwaarschijnlijk klinken voor hen, die zijn ingewijd in de duivelsche geheimen der machtige Italiaansche loges? die haren geest kennen en weten in wiens hand zij een middel is in den strijd tegen God.
Alinea 9. In het jaar 1864 zal Lucifer met een groot aantal duivels worden losgelaten. In 1864 groeide Napoleon's vijandschap tegen de Kerk en begon hij zijn valsche Staatkunde te ontwikkelen, hij verbood den Syllabus, teekende de Conventie van 15 September, die voerde tot de gevangenschap des pausen, en begunstigde een populaire uitgave van Renan âLa Vie de Jesusquot;.
Dr. Bataille, ') in zijn bekend werk; Le diable au XIX1^1116 Siècle geeft talrijke feiten van zichtbare verschijningen des duivels; we weten van het bestaan der
Professor Rohling geeft een belangrijke noot over dezen schrijver. Dr. Bataille is een pseudoniem en de onbekendheid van zijn naam verhoogde de waarde niet zijner werken. Intusschen heeft Dr. Rohling den schrijver in Havre ontdekt, daar vernomen dat hij overal bekend en volkomen vertrouwbaar is, o. a. met den beroemden Dominicaan P. Mon-sabré persoonlijk is bevriend, en door dezen om zijn beproefde trouw zeer geacht.
35
Palladisten, van him duivelschen eeredienst, hun walgelijke ceremoniën .... weiden we niet uit! De zichtbare verschijningen der duivelen op aarde erlangen een schrikbare bekendheid ; helaas, zij, die in onmiddellijke verbinding staan met de geesten der duisternis en gruwelijk verkochten het onsterfelijk kleinood, door Grod in Zijne Liefde geschonken, ze maken geen geheim meer van hun wandaad! Ge ziet ze sluipen door het leven, schuw, gejaagd, en toch, verwaand en verwaten, met onbeschrijflijke minachting neer-schouwend op dat leven; ge hoort het trotsche bekennen van hun illusionisme en plotseling schrikt ge terug voor het geheimzinnige, het droomerige in de fletse oogen .... Weiden we niet uit!
{Alinea 10.) De slechte boeken zullen talrijk zijn op aarde. Waarlijk, we behoeven weinig woorden om te betreuren, dat ook deze alinea van het Secretum is vervuld; de katholieke geestelijkheid, geholpen door haar goede pers, waarschuwt aanhoudend en met klem. Hierboven noemden we het Palladisme; op het eind van alinea 10 lezen we: âKerken zullen er verrijzen om deze geesten (de duivelen) te dienen.quot;
Thans zijn ze overal ter wereld reeds opgericht; in het Quartier St. Sulpice te Parijs roepen twee en twintig dergelijke altaren den Vloek des Hemels af. ') Laicus onthulde van ons Nederland, dat ook in Amsterdam minstens twee dezer duivelaanbiddende Driehoeken zijn gevestigd. Wreede onthullingen!
Alinea 13 voorspelt het lijden des pausen. Een vreeselijke crisis zal de Kerk hebben te doorstaan, groote vervolgingen zullen woeden in den tijd der duisternis.
') Zie verder Baïaille, Le Diable au XIXieme siècle en de jongste geschriften van Miss Vaughan.
36
Alinea 15 en 16 bevestigen met dreigenden klem de onheilen in al. 13 beschreven. De Kerk zal een Crisis hebben te doorstaan; méér dan vervolging, méér dan de hardnekkige bestrijding van vijanden, die staan buiten de Kerk. Een crisis! Zouden we te vreezen hebben een sluw waagstuk des boozen; zou hij een scheuring beproeven ?
We wenschen den lezer geen bepaalden loop der voorspelde rampen op te dringen; we willen hem enkel wijzen op hetgeen van de voorzeggingen reeds is vervuld en hetgeen met zekerheid kan worden verwacht â in het algemeen bijvoorbeeld een naderend tijdperk van rampen en beroeringen â we kunnen echter niet nalaten thans enkele schreden van den gekozen weg af te wijken.
We schrijven dan de verklaring der drie alinea's over zooals ze is gegeven door Prof. Dr. A. Rohling in zijn kerkelijk goedgekeurd werk. De grijze priester verwacht na den dood van den huidigen paus Leo XIII een overrompeling van liet Vaticaan; het schijnt, zegt hij, dat men het H. College der kardinalen zal uiteendrijven en onwettig een valschen Paus zal uitroepen.
Ignis ar dens (brandend vuur), zie pag. 5, zou den paus kunnen voorstellen der roode Internationale; religio depopulata (ontvolkte kudde) zou een kleine schare plichtgetrouwe katholieken regeeren, die, lijdend om de rechtvaardigheid, vervolgd door het schisma, den lijdenskelk op aarde, den zegepalm der overwinning in den Hemel zullen deelachtig worden.
Schoon deze verklaring het gezag bezit van een grijzen priester, beroemd en gevierd om zijn kennis en wetenschap door geheel Europa, blijft ze natuurlijk een menschelijk pogen om Gods woord te ontvouwen.
Professor Rohlixg gaat echter verder. âIk zal zijn leven
37
als een offer van zoete geuren ontvangen,quot; zegt de H. Maagd. Welnu, zegt Dr. Rohling, God zal toelaten dat de paus sterve, openbaar, geoordeeld door een revolution-naire rechtbank; de aanslagen op zijn leven bleven zonder gevolg (al. 16), hij zal sterven als een offer voor de zonden der wereld, openbaar, misschien aan een kruis.
Weer laten we aan den lezer het oordeel over professor Rohlings verklaring; we willen echter gaarne opmerken, dat naar onze meening uit de woorden der H. Maagd âom zijn leven als een offer van zoete geuren aan te nemenquot; nog niet volgt, dat de Paus openbaar gevonnist, zelfs niet geweldadig zal gedood worden.
We geven toe, dat de vorige alinea's spreken van een volmaakte anarchie, en aanstonds doen denken aan den triumf der revolutionnaire machten; dat, zoo de profetie beslist sprak van een ge w e ld ad i gen dood, wij met reden die schanddaad konden verwachten van revolutionnaire rechtbanken. Doch Melania spreekt slechts van een offer, zonder de wijze van offeren nader te omschrijven.
En zou van den paus, wien zooveel lijden is voorspeld, tegen wien Israël zijn infandum sce 1 us, zijn laaghartige misdaad zal keeren en Satan, oppermachtig heerschend, al de sluwheid der duisternis zal ontwikkelen, niet kunnen getuigen, als hij moe gestreden het matte hoofd zal neerleggen ter eeuwige rust, dat hij zijn leven geeft als een offer? Meer. Alinea 12 gaat, zoo we meenen reeds in vervulling. Anarchie! Wilt ge volkomener anarchie dan thans reeds Frankrijk teistert. Wie regeert, wie voert de teugels van het Staatsbewind ? Het eene ministerie volgt op het andere om plaats te maken voor nieuwe belagers naar Frankrijks rijkdommen, naar zijn eer, naar zijn godsdienst. Wie regeeren ? Niet zij, die ministers worden genoemd van
38
den Staat, de Internationale, de echte roode Internationale bende van Joden en Vrijmetselaars zwaait den scepter in liet land van Clovis en Lodewijk den Negende, de ministers, de kamerleden kruipen voor de bevelen der sekte.
Als loon mogen ze hunne beurzen stijven met het geld der burgerij.
En zou Melania aan dei-gelijke regeeringloosheid niet hebben gedacht?
En wordt het gruwelijk schrikbewind, de bloedige revolutie of Commune niet onzeker d~n? onwaarschijnlijk zelfs? De toekomst zal ons echter leeren. Van den beginne af stelden we ons ten doel met klem te wijzen op een zeker dreigen van benarde tijden; détails welke Gods barmhartigheid, dooide gebeden der rechtvaardigen vermurwd, kan wijzigen of terughouden, kunnen we natuurlijk niet geven.
De volgende alinea's melden ons opnieuw vervolging en kwelling, ieder individu zal zijn eigen meester willen zijn, ongeregelde hartstochten, schandelijke onrechtvaardigheden, moord, haat en tweedracht zonder liefde voor het vaderland zullen heerschen alom.
Het Spiritisme, het Materialisme, het Atheïsme zal geweld doen aan de waarheid; de regeeringen zullen trachten elk positief geloof uit te rotten. Dan echter voorspelt Ma-lachias den âpastor angelicusquot;den engelachtigen herder, Herman ziet het Vredelicht dagen voor zijne kerk, Melania huldigt den grooten koning, de rechterhand van den grooten Paus.
Het begunstigde herdersmeisje van La Salette werpt in het derde en laatste gedeelte van haar geheim een terugblik op de hierboven beschreven tijden. Dit laatste gedeelte c. van haar geheim loopt paralel niet het voorgaande en vult de leemten aan.
39
c. Nadere Omschrijvingen.
18. In den jare 1865 sal men den gruwel zien in gewijde oorden ....
De oversten van religiense huizen mogen zich in acht nemen bij het aannemen van personen, daar de duivel zijn gansche boosheid zal aanwenden om lieden, welke zijn vastgeketend aan de zonde in de haizen der religiensen te brengen-, want de lust tot vleeschelijke ongeregeldheden zal ingekankerd zijn over de geheele aarde.
19. Frankrijk, Italië, Spanje en Engeland zullen in oorlog zijn gewikkeld; het bloed zal vlieten in de straten; de Fransch-man zal strijden met den Franschman, de Italiaan met den Italiaan; dan zal er een algemeene oorlog ontbranden, welke verschrikkelijk zal wezen. Voor een tijd zal God Frankrijk noch Italië gedenken, daar het Evangelie van Jeziis-Christus met meer wordt gekend. De slechten zullen al hun boosheid ontwikkelen, men zal elkander dooden, elkander vermoorden tot in de huizen.
20. Bij den eersten slag van Gods bliksemend zwaard zullen de bergen en geheel de natuur beven van schrik, terwijl de zonde en de ongeregeldheden der menschen het gewelf des Hemels doordringen ; Parijs zal verbrand 1) en Marseille verzwolgen worden, men zal meenen dat alles verloren is, men zal slechts moorden zien, slechts wapengekletter hoor en en Godslasteringen. De rechtvaardigen zullen zwaar lijden; hunne gebeden, boetedoeningen en tranen zullen opstijgen ten hemel; het volk Gods zal om vergeving bidden en Barmhartigheid, en mijne hulp en voorbede inroepen. Dan zal Jezus-Christus door eene daad zijner rechtvaardigheid en zijner groote barmhartigheid om der rechtvaar-
|
') Isaïas XXIV 10. Attrita est civitas vanitatis. |
De stad der ijdelheden zal worden verwoest. |
40
digen wille zijne engelen bevelen, al zijne vijanden te do oden. Onverwachts, plotseling, ziillen de vervolgers van Jezns-Christns en cdle (onboetvaardig) aan de zonde verknoehte mensehen vergaan en zal de aarde een woestijn gelijken. - Dan zal de Vrede worden gesloten, de Verzoening Gods niet de mensehen; men zal Jezus-Christus dienen, Hem aanbidden en verheerlijken, de liefde zal bloeien overal. De nieuwe koningen zullen de rechterarm zijn der kerk, zvelke sterk, ootmoedig, vroom, arm, ijverig zal zijn en navolgster van Christus deugden. Het Evangelie zal overal worden gepredikt en de menschen zullen groote vorderingen maken in het Geloof] want eendracht zal heerschen onder de arbeiders van Christus Wijngaard en de menschen zullen leven in de Vreeze des Heeren.
21. Lang zal deze Vrede ouder de menschen niet duren; vijf-en twintig jaren van rijken oogst zullen doen vergeten, dat de zonden der menschen oorzaak zijn van cdle rampen, welke komen over de wereld. ')
Alinea 18. Welke gruwelen speciaal in 18G3in de kerken en gewijde plaatsen zijn bedreven, is tot heden niet openbaar geworden.
Heiligschennissen en andere vreemde zonden treden zoo schel niet in het licht der openbaarheid. En toch â horribile dictu, Ur. Bataille verhaalt ons, dat zelfs christenen zich verlagen den Satan te aanbidden, dat ze onder het
|
1) Isaïas XXIV 5. Quia trarisgressi sunt leges, mu-taverunt jiis. dessipaverunt foeilu-; sempiternum. Isaïas XXIV (3. Et reliquentur homines pauci. |
Omdat zij de wetten verkracht, het recht verwrongen, het eeuwige verbond hebben gebroken. En er zullen slechts weinige menschen overblijven. |
41
huichelende masker van vroomheid, Gods wrake trotsee-rend, verschijnen aan de Tafel des Heeren, het H. Lichaam rooven, om op de altaren van Lucifer gruwelijk den Heer te otteren aan Zijn gevallen engel. Het is bekend, hoe in de kerken Ciboriën zijn gestolen met een kennelijk heiligschennend doel; de schandaad van 1894, toen in de Goede Week uit de Notre-Dame van Parijs negen honderd geconsacreerde H. Hostiën werden geroofd op klaarlichten dag, vervult ons nog met afschuw en afgrijzen. .. .
De oversten van religieuse huizen worden aangemaand tot voorzichtigheid; het verwondert ons niet.
Het zal de grootste triumf zijn voor den bestrijder van God, als luj onkruid kan werpen tusschen de reine tarwe, Gode gewijd.
Alinea 19. De profetie stelt ons hier vreeselijke gebeurtenissen voor; snel en dreigend volgen ze elkander op, geweldig beroeren ze de wereld en doen de krachten der [Natuur zelfs schokken en sidderen; slachting, moord, burgerkrijg en oorlog tusschen de volkeren.
God zal zijne hand terugtrekken van het ongelukkige mensch-dom, wijl zijne kinderen vergaten, dat Jezus-Christus het Evangelie schonk aan de wereld, dat Hij leefde voor hen en stierf om Zijne leer te doen volgen. Zijne deugden. Zijne liefde.
In het laatst der vorige eeuw verkondigden nog andere profetische stemmen een algemeenen ondergang van Gods onboetvaardige vervolgers.
Buffalo spreekt van een Egyptische duisternis, die hangen zal over de aarde, van een engel der wrake, die verdelgen zal en verpletten. Enkel de gewijde kaarsen zullen licht verspreiden, en de vereerders van het kostbaar bloed onzes Heeren zullen gespaard blijven.
Dan echter zal God ingrijpen door een wonder Zijner almacht (alinea 20). de rechtvaardigen, die boetvaardigheid
42
pleegden en smeekten om Zijne barmhartigheid zullen eindelijk worden verhoord en vreeslijk zal de slag zijn, waardoor alle onboetvaardigen zullen worden verdelgd, en de aarde veranderen zal in een leege, uitgestorven vlakte, een woestijn.
Maar dan ook zal de vrede worden geteekend , een groote , machtige monarch zal heerscheu met den engelachtigen herder, de liefde zal bloeien alom.
quot;Wie zal de groote koning zijn?
Herinneren we ons hoe Melania in het begin van haar beschrijving verhaalt dat ook Maximin, de kleine herdersknaap, van Gods moeder een gelieira ontving.
Het meisje zag dat de lippen der schoone vrouw bewogen, ze verstond haar echter niet. Dit geheim berust in handen van Zijne Heiligheid. Het behelst een beschrijving van den grooten Monarch, van den tijd waarin hij zal optreden, van zijne regeering met den pastor Angelicus.
In allocuties en particuliere gesprekken is door de Pausen zooveel verhaald, dat men den grooten koning verwachten kan uit het liuis der Bourbons.
En men beweert dat de laatste der Bourbons is gestorven tijdens het schrikbewind ?
Het kan niet op onzen weg liggen al de historische bescheiden over den dood van Lodewijk XVH te onderzoeken en het bewijs te leveren, dat de jeugdige zoon van den onge-lukkigen Lodewijk XVI niet is gestorven in den ïempl e.
We achten volkomen onze bescheiden roeping vervuld, zoo we letterlijk vertalen, wat prof. Rohlixg geeft in zijn laatste brochure.
De afgevaardigde George Laguerre liet in Mei 1894 op het Parijsche kerkhof St. Marguerite, waar Lodewijk XVII heette te rusten, opgravingen doen. Men vond een doodkist met het opschrift; Ci git Louis XVII. Doch
43
uit het anatomisch onderzoek der beenderen bleek, dat ze toebehoorden aan een jongen man van 18 a 20 jaren. Het opschrift is dus valsch, deze kist kon den Dauphin, een kind nog, niet hebben bevat. De prins is bevrijd uit de gevangenis en men heeft een zieke uit een der Parijsche hospitalen voor hem in de plaats gesteld. De geschiedenis, die langer dan een eeuw voor de ware is gehouden, is een leugen dus.
Aan de kinderen des Dauphins zullen de hoven dra hebben goed te maken, wat zij den vader misdeden door miskenning. Aan Nederland komt echter de eer toe den grooten balling te hebben erkend en beschermd.
De ware zoon van Lode wijk XVI doolde lange jaren rond door Europa onder den aangenomen naam van AVillera Nauendorf; hij kwam in 1843 te Delft, waar hij stierf in 1845 en een weduwe naliet met 6 kinderen. Het boek La Survivance du roi martyr, uitgegeven door Sistac in Toulouse, de werken van den graaf de la Barre, de pleidooien van Jules Favre, verder het geschrift. La branche ainée des Bourbons, la Refutation de la Sentence de M. Benoit en 1874;LouisQuinze et les Prophéties, La Refutation de M. de Beau-chêne, nemen allen twijfel weg, welke nog mocht geopperd worden.
De type der Boürbons, de regelmatige schoone trekken des gelaats herinneren bovendien reeds aanstonds den prins van bloede. Nauendorf stierf in Delft en het opschrift op zijn graf zegt, dat daar begraven ligt de echte Dauphin van Frankrijk. Dit volsta. Vele eerbiedwaardige schrijvers waren van meening dat in het laatst der tijden een groot monarch zou opstaan, gesproten uit het bloed van den H. Lodewijk.
Alinea 2 1. De overwinning der kerk zal voorbijgaand zjjn, de kastijdingen zullen dra zijn vergeten, dan nadert
44
de vervulling der tijden, de laatste tijden voor de groote wederkomst van Christus op aarde. De vervulling der tijden!
Het baart verwondering dat het Vaticinium van den abt Hermann ons geen enkele aanwijziging doet van de komst en de gruwelen van den Anti-Christ.
Aan ons is het niet, de redenen hiertoe op te diepen. Hetzij God vrede heeft willen schenken en troost aan den ziener, die in zijne visioenen gedurende alle eeuwen lijden en rampen had aanschouwd, hetzij Hij anderen had verkozen, de gewijde plaatsen, doelende op de komst en de regeering van den Anti-Christ, den volke te verklaren 1), ons betaamt een smartelijk gevoelen slechts van een gemis, voor ons doel zoo vol van waarde.
Richten we derhalve onze blikken naar Malaciiias voorspelling. Nog zeven pausen zullen regeeren na den pastor Angelicus.
De zevende zal hebben te strijden tegen de verschrikkingen van den Anti-Christ.
En de zes voorgaande? zullen ze regeeren in luister en vrede gedurende de vijf en twintig jaren door Melania genoemd, door Maximin beschreven? We vermeten ons geene beslissing. Toen we de tijden van tweedracht en oorlog door Melania Calvat zagen beschreven, vonden we in Malachias voorspelling een âbrandend vuurquot;, een âontvolkte godsdienstquot;, een âonverschrokken geloofquot;.
En namen als âengelachtige herderquot;, âbloem der bloemenquot;,
'). We noemen slechts onder de H. Vaders: Irenaeus, Hippolytus, Lactanius, Hieronymus, Augustinus, Cyriilus van Jernzalein, Ephrem, Gregorius van Tours, Gregorius de Groote, Raban Maur, Thomas.
Onder de Schriftverklaarders of Godgeleerden; Vincent de Beauvais, Lyranus, Tirinus, Estius, Gagnée. Dens, Lachétardie, Holzhauer, Corneous ii Lapide, Dossuet.
45
âluister van den olijf', ze zijn zeker in tegenspraak niet met het tijdsgewricht van rust door de Zienster van La Salette voorspeld.
En a!s de herderin de verschrikkingen aankondigt van den Anti-Christ, dan spreekt de prelaat der twaalfde eeuw: In pers ecu tione etc. zie pag 5.
Van het geheim van La Salette hebben we thans het tweede gedeelte te behandelen.
B.
Beschrijving der laatste tijden.
1) Een voorlooper van den Anti-Christ met troepen uit verschillende natiën saamgesteld zal strijden tegen den waren Christus, den eenigen Verlosser der wereld; hij zal veel bloed vergieten en de vereering Gods willen uitroeien om zichzelven als een God te doen aanbidden.
2) De aarde zal geslagen worden met velerlei plagen {behalve pest en hongersnood die algemeen zullen zijn); oorlog zal er wezen tot aan den laat sten strijd door de tien koningen van den Anti-Christ gesticht; deze koningen zullen allen eenzelfde doel nastreven, en zij alleen zidlen de wereld reg eer en. Vóór dit alles geschiedt, zal een soort valsche vrede in de wereld heer-schen; men zal slechts aart verstrooing denken en de slechten zidlen zich overgeven aan alle soorten van zonde; maar de kinderen der H. Kerk, de kinderen van mijn geloof, mijn zvare volgelingen, zullen toenemen m liefde tot God en in de deugden, welke mij het dierste zijn. Gelukkig de nederige zielen, geleid door den Heiligen Geest. Ik zal strijden met hen, tot ze gekomen zijn aan de volheid hunner dagen.
3). De natuur eischt wraak voor de mensehen en zij siddert
46
â van vrees m de verwachting der dingen, die konien ztdlen over de aarde, door misdaden bezoedeld. Siddert, gij aarde, en gij allen, die belijdt den Christus te dienen, doch in nw binnenste slechts nzelven aanbidt, siddert, want God zal 71 overgeven aan zijnen vijand, zvijl de heilige oorden in bederf verkeeren.
Midti conventns non sunt amplms casae Dei, sed pascua Asmodei et pedissiquarum ejus. In deze tijden zal de Anti-Christ worden geboren uit eene kloostervrouw van Hebreeuwsche afkomst, eene valsche maagd, die gemeenschap zal hebben met den ouden slang, met den meester der onzuiverheid] zijn vader zal een bisschop zijn.
Bij zijne geboorte {reeds) zal hij godslasteringen uitbraken en tanden hebben; in één woord, hij zal een gevleeschte Duivel zijn, hij zal afschuwelijke kreten uitstooten; hij zal wonderen doen, hij zal zich slechts voeden met onreinheid. Hij zal broeders hebben die, schoon niet als hij, gevleeschte duivelen, toch kinderen zidlen zijn der boosheid; met de jaren zullen ze van zich doen spreken door de machtige overwinningen, welke zij zullen behalen; dra zal ieder hunner aan het hoofd staan van legers, gesteund door helsche legioenen.
7). De jaargetijden zullen worden veranderd en de aarde zal enkel slechte vruchten voortbrengen, de sterren zullen hun reg el-matigen loop verliezen, en de maan zal een rood licht slechts geven; water en vuur zidlen den aardkloot schokkende bewegingen en hevige aardbevingen veroorzaken, bergen, steden verslinden etc. etc.
8). Rome zal het geloof verliezen en de zetel worden van den Anti-Christ.
9). De duivels der luchten zullen met den Anti-Christ groote schijnwonderen wrochten op aarde en in de lucht; en de menschen zullen immer slechter worden. God zal zorg dragen voor zijn getrouwe dienaren, en voor de menschen van goeden wil; het
47
Evangelie zal overal worden gepredikt, alle volkeren, alle natiën znllen kennis hebben der waarheid. Ik richt een dringenden roep tot de aarde; ik roep de ware leerlingen van den levenden God, die regeert in de Hemelen-, ik roep de waarachtige volgelingen op van den menschgeworden Christus, den e enig en en waren Verlosser der wereld; ik roep op mijne kinderen, mijne echte getrouwen, hen, die zich aan mij hebben gegeven, opdat ik ze voere tot Mijnen Goddelijken Zoon, hen, die ik, om zoo te spreken draag in mijne armen, hen, die geleefd hebben naar mijnen geest \ eindelijk roep ik op de Apostelen der laatste tijden, de getrouwe leerlingen van Jezns-Christus, die geleefd hebben, de wereld verachtend en ziehzelven, die leefden in armoede en nederigheid, in verachting en stilte, in gebed en versterving, in kuischheid en vereeniging met God, in lijden en onbekendheid aan de ivereld. Het is tijd, dat ze optreden en de wereld verlichten. Komt en toont 71 als mijn geliefde kinderen, ik ben met n en in n, mits uzv geloof het licht zij. dat u in deze dagen des ongeluks verlicht. Dat uw ijver u als hongerig make voor de eer en de glorie van Jezus-Christus. Strijdt kinderen des lichts, schoon het getal klein is, dat er naar streeft; want de tijd der tijden, het einde der eindige dingen is daar.
De kerk zal in duisternis, de wereld in beroering zijn. Ziedaar echter Henoch en Elias met Gods geest vervuld, zij znllen prediken met de kracht Gods, en de menschen van goeden wil zullen in God gelooven en vele zielen zullen troost vinden, zij zullen groote vorderingen maken en de duivelsche dwalingen van den Anti-Chr ist veroordeelen. Wee den bewoners der aarde l Bloedige oorlogen, hongersnood, pest en besmettijke ziekten ztdlen heerschen alom; wolkbreuken met een vreeselijken krijg der dieren, donder en aardbevingen znllen steden en landen verzwelgen, men zal stenimen hoor en in de lucht; de menschen zidlen Imnne hoofden stoot en tegen de muren; zij zrdlen den dood roepen en
48
de dood zal anderzijds Imn straf wezen; het bloed zal vloeien naar alle zijden. Wie zal kunnen stand houden als God, den tijd der beproevingen niet verkort} Door het bloed, de tranen en gebeden der rechtvaardigen zal God zich laten verbidden. Henoch en Elias z7illen worden gedood, het heidensch Rome zal verdwijnen; het vutir des hemels zal neerschieten en drie steden verslinden, de gansche wereld zal van schrik zijn geslagen en velen zullen zich laten verleiden, wijl zij den Christus niet aanbaden, die leefde te midden van hen.
Het is tijd, de zon wordt verduisterd â , ') het geloof alleen zal leven.
Het is tijd. De afgrond opent zich. Ziet den koning der koningen der Duisternis. Ziet het dier, dat zich noemt de Verlosser der wereld met zijne handlangers. Het zal trots zich verheffen m de lucht om op te stijgen ten Hemel, het zal gesmoord worden door den adem veen St. Michael, den aartsengel. Het zal terneder storten, en de aarde, die sinds drie dagen in gedurige beweging was, zal haren schoot, vol vuurs openen, het zal met al de zijnen voor eeuwig worden geslingerd in de kolken der hel. Dan zidlen water en vuur de aarde zuiveren en alle werken verslinden van der menschen hoogmoed, en alles zal worden vernieuwd. 1) God zed men dienen en verheerlijken.
1
) Isaias XXIV 20. | De aarde zal door een slingering
Agitatione agitabitur terra sicut worden bevangen, als die eens
ebrins, et auferetur (non r/wond i dronken mans; zij zal worden op-
substantiam, sed quoad speciem et genomen als een nachttent; de on-
/Zf/Mram-Cornelius) quasi taberna- gerechtigheid zal op haar drukken
oulum unius noctis: et gravabit als een zware last, zal haar doen
earn iniquitas sua et corruet, et j nederstorten, om nimmer op te
non adjiciet ut resurgat. staan.
Isaias KXIV 21-22.
In die illa visitabit Dominus Op dien dag zal God de vorsten
super .... reges terrae, qui sunt bezoeken, welke op deze aarde zijn
super terrain, et congrebuntur in en ze zullen worden saamgebonden
congregatione unius fascis in lacum, als in een schoof, en worden op-
et claudentur ibi in carcere. gesloten in den kerker.
49
Een voorlooper van den Anti-Christ zal dus na den vrede van 25 jaren zijn standaard verheffen in de Staten; de volkeren, gelukkig in den triumf der waarheid, van hun kracht bewust door de grootsche daden van den machtigen monarch, zullen niet voetstoots zijn juk aanvaarden.
Derhalve zal hij met geweld van wapenen zijn gebied trachten te vestigen, hij zal veel bloed vergieten, den tegenstand der natiën zal hij smoren in bloed.
Onwillekeurig worden we hier herinnerd aan het dertiende Vers der Openbaring van Johannes. Wij lezen:
âEn ik zag een ander Beest opklimmen van de aarde, en het had twee horens gelijk de horens des Lams, en het sprak gelijk de draak. En het deed alle de macht van het Beest voor zijn aanschijn, en het heeft de aarde, en die daarop wonen, doen aanbidden het eerste Beest. En het heeft groote teekenen gedaan, alzoo dat het ook vuur van den hemel heeft doen nederdalen op de aarde voor het aanschijn der menschen. En het verleidde de inwoners dei-aarde door teekenen, die hem gegeven zijn te doen voor het aanschijn van het Beest. En hem is gegeven, dat hij eenen geest zoude geven aan het beeld van het Beest, en dat het beeld van het Beest zoude spreken; en dat alle diegenen die het beeld van het Beest niet aanbaden, zouden gedood worden.quot; ')
Een ander beest dus, een voorlooper, een helper. Hij zal beelden oprichten van het beest en Lucifer zal door het beest spreken; waarschijnlijk zal op de vernielde Godsaltaren deze wraakroepende duivelsaanbidding den diepen val getuigen van het menschdom.
Bossuet verklaart ons dit beest als een afgodisch stelsel.
') Vers 2 sqq.
50
een zekere sekte, welke het eerste beest zal ter hulpe komen.
Wij voor ons gelooven eerder met Gagsie en Holziiauser, dat het tweede beest een mensch zal zijn, met groote talenten en wetenschappen begaafd, doch we sluiten de mogelijkheid niet uit dat deze, zich aan het hoofd stellend eener sekte, eener godsdienstige richting, den weg zal banen voor het eerste beest.
En met schrik zien we om ons henen maar al te duidelijk die richting geboren, zich uitbreiden en machtig worden; al te klaar wijst ons de zuivere materialistische richting in de groote wereld, in de hooge politiek op eene macht, die, verdrongen wellicht en neergesmakt door den grooten monarch, den kop zal opsteken met vernieuwde lusten, als een man zal optreden, eer belovend, roem en goud.
Alinea 2 spreekt van vele en velerlei plagen, en meldt ons een strijd, welken tien koningen zullen aanbinden tegen den Anti-Christ.
Weer treft ons de wonderbare overeenkomst met Daniël en de openbaringen.
âToen wenschte ik de waarheid te kennen van het vierde Beest, hetwelk verscheiden was van al de andere, zeer gruwelijk, wiens tanden van ijzer waren, en wiens klauwen van koper; het at, het verbrijzelde, en vertrad het overige met zijne voeten. En aangaande de tien horens, die op zijn hoofd waren, en den anderen horen, die opkwam, en van dewelken drie afgevallen waren, namelijk die horen, die oogen had, en eenen mond, die groote dingen sprak, en wiens aanzien grooter was dan de anderen. Ik keek oplettend, en zie, die horen voerde krijg tegen de heiligen, en hij overwon die, totdat de Oude van dagen kwam. En hij gaf aan de heiligen des Allerhoogsten de macht om te oordeelen. En de tijd vervuld zijnde, verkregen de heiligen
51
het rijk. En hij zeide aldus; Het vierde Beest zal het vierde rijk zijn, hetwelk grooter zal zijn dan alle rijken, en liet zal de gansche aarde opeten, en zal dezelve vertreden, en het zal ze verbrijzelen. De tien horens van dit rijk zullen tien koningen zijn, die zullen regeeren, en een ander zal na hen opstaan, die machtiger dan de eerste zal zijn, en hij zal de drie koningen vernederen, en hij zal trotschelijk spreken tegen den Allerhoogste, en hij zal zijne heiligen verdelgen, en hij zal meenen, dat hij de tijden en de wetten kan veranderen.quot;
Aan de toekomst namen en bijzonderheden.
Ons schijnt hieruit te blijken, dat de Anti-Christ strijd zal moeten voeren tegen tien koningen, dat hij drie met min of meer geweld zal moeten verwinnen, dat de zeven anderen, van vrees bevangen voor Zjjne macht en zijn geweld, zich aan hem gewillig zullen onderwerpen, ja zijn helpers zullen worden en handlangers.
Voor ons stijgt echter tevens in hooge waarde de wonderbare gunst, door de H. Maagd bewezen aan het eenvoudige, vrome herdersmeisje, als we hare prophetiën zien gesterkt en bevestigd door de oude Openbaringen.
Alinea 3. Het verderf zal alom ongeteugeld zijn scepter zwaaien, zonde, lust en hartstocht zullen dringen door de gansche maatschappij, doch de natuur eischt wrake (al. 4); de aarde zal sidderen, gewroken zullen de misdaden, zelfs heerschend in kloosters, (al. 5). Dan zal de Anti-Christ worden geboren, geboren uit eene valsche maagd en een gevallen bisschop. Zonde zal den meester voortbrengen der zonde.
Cornelius a Lapide verzekert ons dat hij zal voortkomen uit het geslacht Dan. (Genesis XLIX 16â18). M a 1 v e n d a e. a. steunen dit gevoelen. Zij beroepen zich op het 16e vers van het achtste Hoofdstuk van Jeremia.
52
Ook in Bossuets verklaring der Openbaring vinden we een bevestiging.
Vrij algemeen werd sinds lang deze meening aangenomen. La Salette spreekt echter beslist van eene Hebreeuwsche moeder. Het Joodsche bloed zal vloeien door zijne aderen en van der joden troepen zal hij zich bedienen ter vestiging zijner macht. Zijn vader zal een bisschop zijn.
Naar de uitlegging van Holzhaüser en Orval zal hij een schijnbekeerde zijn uit Mahomed's Volk '). Eene vermenging van Joodsch en Mahomedaansch bloed zal zich stellen aan het hoofd der natuurlijke vijanden van âJezus eere en Zijn Kruisquot;, de Islam de zinnelijke, wreede en fanatieke Islam
') De Luciferisten hebben een Openbaring van Lucifer, ilat de grootmoeder van den Anti-Clirist den 'iOsten September dezes jaars (l896) zal geboren worden; dit is juist 50 jaren na de openbaring van La Salette (Combe pag. 93).
Lasschen we hier in een eigenaardige overeenkomst, waarop ons La Franc MaconnerieDemasquée attent maakt. Het XUle Hoofdstuk van den Apocalypse eindigt met dit vers. Qui li a b e t in t e 11 e c t u m computet n u m e r u m b e s t i a e.1 Numerus enirn lio minis est numerus ejus: Sexcentisexaginta sex. Die verstand heeft, berekene het getal van het Beest. Want het is het getal van een mensch; dit cijfer is; zes honderd zes en zestig: 666 (Apoc. Xlü 18).
Vele schrijvers hebben zich beijverd een naam te vinden voor den Anti-Christ. Vooral Grieksche namen;
= lichtend, 'o = de overwinnaar.
â de ware booze.
Het getal 666 is dus een symboliek getal, dat aanduidt den Anti-Christ, den heerscher der duisternis; vanwien Satan zelf bezit heeft genomen. Geen wonder dus dat dit getal in eere is bij de Palladisten , de duivelaanbiddende sekte.
In No. 6 der Mémoires d'u ne Ex. Palla diste verhaalt ons Miss Vaughan dat in de Triangels (tempels der sekte) te midden der
53
zal zich vereenigen met de door Christus gevloekte schare.
Herinneren we ons de gruwelen, de verwoestingen, aangericht in de VHe eeuw, of neen slaan we een blik naar de Oostersche landen en hunne misdaden.
Koelbloedig, met ruw geweld, met fanatieke wreedheid martelt en moordt de Turk zijne slachtoffers; de mogendheden eischen rust, eischen voldoening en toch âhoe men hun schrapende Staatkunde beschouwe â in elk ander geval zou een vorst hebben toegegeven aan den drang der machtigen, ware hij niet een Sultan, die van uit Mekka en Medina, van uit het heilige land van Hedjaz, bedreigingen ontvangt van banvloek of excommunicatie. Een dof rumoer, een voorspel misschien van de moordende macht, die eens zich zal opwerpen om de wereld te kastijden, die aangewakkerd in hun dweepzieken haat door de booze heersch-
bekende stralende zon het geheimzinnige cijfer 066 staat geschreven, dat de waardigheidbekleeders het getal dragen op hunne insignes. De naam van hun Anti-Christ, Apollonins Zabah, voriMt eveneens het getal 666. Merkwaardig nu, schrijft de Fr. Mac. Dem. schijnt het ons, dat de rnensch-duivel, weike in de laatste tijden zal regeeren, door hetzelfde geheimzinnige cijfer 666 wordt aangeduid, als het Palla-disine, naar onze meening, het laatste woord, door de helsche boosheid gesproken. Verder als thans, nu zij aanbeden wordt en vereerd als God, zal ze niet kunnen gaan. Men telle de letters op van het woord naMaSiepoe (Palladisme) volgens onderstaand lijstje.
| ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Men zal tot uitkomst krijgen 666. |
54
zucht van den gevleeschten duivel, de wereld zal over-stroomen en dreigen met verdelging, dreigt uit het Oosten-
Want heerschzucht zal een der grootste ondeugden zijn van den A.nti-Christ, heerschzucht en hoogmoed.
Als de eerste geest, die opstond tegen zijn Schepper zal hij zijn troon willen plaatsen naast den allerhoogste: sinn-lis ero Altissimo: ik zal gelijk zijn aan God.
Deus est charitas. God is liefde '); de Anti-Clirisfc zal haat zijn, haat tegen God, haat tegen Christus Zijnen Zoon, haat tegen de menschen, Zijne kinderen; de woeste instincten met den duivel in zijne ziel gevaren, zullen dien gloeienden haat strekken tot gedurig voedsel. De H. Schriften leeren ons dat zijne regeering een tijd zal zijn van verregaande goddeloosheid, van moord, toovenarij en ontucht; hij zelf zal het voorbeeld geven aan de mensch-heid: er it in concupiscentiis feminarum quot;).
La Salette voorspelt ons, dat zelfs in de natuur een geweldige stoornis zal worden verwekt; de loop der sterren wijkt af, de aarde weigert hare vruchtbaarheid, de bergen schokken en de gansche aardkloot in gedurige slingeringen verzwelgt steden of verwoest ze; de maan, beroofd van haar zilverlicht, werpt slechts een bloedig rood schijnsel ons toe.
Te duidelijk is verder de beschrijving dezer tijden door Melania Calvat , dan dat ze onzerzijds eenige verklaring behoeft. Echter willen we nog wijzen op eene belofte erin vervat.
Alinea 10: eindelijk roep ik op de A p os tele n d er
!) Joh. IV : 16.
2) Daniël Hoofdst. XI : 37.
55
laatste tijden. Aldus zal dan zijn vervuld het bevel, door de H. Maagd aan Melania gegeven en in deze woorden door haar verhaald :
âVervolgens gaf niij de H. Maagd, ook in het Fransch, de regels van een nieuwe religieuse orde.quot; Melania, gelijk we bereids herinnerden stelde deze regelen ten papiere op bevel van Zijne Heiligheid.
Alinea 12. Het heidensch Rome zal verdwijnen (dispa-raitra). Malachias zegt: Civitas septicollis diruetur, de stad der zeven heuvelen zal worden verwoest en de geduchte rechter zal de volkeren oordeelen.
V.
Besluit
Eh bien, mes enfanls, vous le ferez passer d tout mon peuple. De schoone Vrouw ging over de beek en twee schreden van de beek, zonder zich om te keeren tot ons die haar volgden ; wijl ze ons tot zich trok door haren glans en meer nog door hare goedheid .welke mij overweldigde, welke mijn hart deed smelten, zeide ze nogmaals: Eh bien, mes enfants : Welnu, mijne kinderen, ge zult het laten weten aan mijn gansche volk.
De gansche wereld moet deelen in de gunst der herderin geschonken.
Ook wij, ook Nederland.
Schoon de wonderlijke overeenkomst van het Sec return met Malachias , met Hermanns prophetie ons deed besluiten deze in te lasschen, zal het den lezer zeker zijn opgevallen met hoeveel voorliefde wij de aandacht trachtten te vestigen op de openbaringen van La Salette; deze in te leiden in ons Vaderland, deze gunst der zoete Moeder te doen deelen door allen, ziedaar ons pogen.
Een gunst, een weldaad is deze openbaring gewislijk.
Daar heeft zich geankerd in de harten der geloovigen een onzeker benauwend gevoel, dat bang de donkere toe-
57
komst ziet naderen; scherpe hersenen zoeken verband in den loop der huidige gebeurtenissen en merken zoovele teekenen als getuigen , ontwijfelbare getuigen van een naderende catastrophe; zij echter, die dieper zijn doorgedrongen in de roerselen van 's menschen hart, die gesteld zijn als zorgers van 's menschen ziel, zij spreken met klimmenden drang, zij wekken met angstige zorg op tot boetvaardigheid en boete, want alles voorspelt dreigend een donkere toekomst.
Welaan, het Secretum van La Salette zegt meer dan 's menschen verstand kan doorvorschen; een gunst van den Hemel spreekt hier met eene beslistheid, welke geen twijfel meer duldt.
Van het hoogste belang dus de waarde van deze Openbaring vast te stellen.
Men oordeele:
A.
De Rede bevestigt de geloofwaardigheid van het Secretum.
Wat zegt ons de rede?
Ofwel Melania is een schandelijke bedriegster, ofwel ze is gezonden van God en spreekt door den mond zijner zalige moeder.
Een middenweg bestaat niet.
Men heeft het Gesprek willen aannemen en het Geheim verwerpen.
Waarom enkel het Gesprek? Omdat men, door de feiten verplet het Gesprek onmogelijk kon loochenen.
Waarom dan niet het geheim? Ja, waarom niet? Melania zelf geeft ons het antwoord als ze zegt tot den Z.E.W. Ernest Rigaud, Ch. d'Honn. della Santa Casa:
58
âHoe zouden lieden, die weigeren te biechten, een gesprek willen aanhooren over het gewetens-onderzoek?quot;
Wij herhalen, alles loochenen, of alles aannemen. âWant zij die eene zending ontving van God, die als de aartsvaders, de profeten, de apostelen sprak in den naam van den Levenden Heer, zij moet verlicht zijn door Hem op eene bijzondere wijze.
Zoo niet, dan stelt God ons aan het gevaar bloot, schandelijk te worden bedrogen. Geeft Hij zekere teekenen van Zijne zending dan moet Hij hem of haar, wie hij ze schenkt, vrijwaren voor elke dwaling.
Welnu, God heeft aan Melania zekere teekenen geschonken, de waarheid der Verschijning is door de Bisschoppelijke Overheid geconstateerd, de feiten hebben het Gesprek niet minder bewaarheid.
Zekere teekenen dus!
Het Goddelijk stempel staat onuitwischbaar gedrukt op de openbaring van La Salette. God wil, noch kan de menschen bedriegen. God echter zou het gansche menschdom hebben bedrogen zoo Hij het zegel Zijner Goddelijke Wijsheid leggend op het eerste gedeelte, de eenvoudige herderin aan de mogelijkheid eener dwaling had overgeleverd, wat betreft het tweede gedeelte, het Geheim.
Dit zou strijden met Zijne Rechtvaardigheid met Zijne Liefde. Erkent men de waarde van âhet Gesprek,quot; men kan de waarde van âhet Geheimquot; niet loochenen.
De waarde van het Gesprek, van de Verschijning bovendien staat granietvast bij alle onpartijdige rechters, de rede dwingt ons derhalve ook ten volle de waarde te erkennen van het Secretum, het Geheim!
Een kleine distinctie vinde hier haar plaats. Melania sprak, we zeiden het hierboven, in naam van den levenden
59
God, als de apostelen en profeten. Stellen we echter hare zending gelijk met die der Apostelen? Tn geenen deele. De zending van het reine herderskind ontvangt kracht en enkel kracht van de zending der Apostelen en hunne opvolgers.
Hoe hoog men de waarde schatte van La Salette, nimmer zal deze openbaring een nieuw geloofsartikel, een nieuw dogma kunnen worden, een bevestiging echter is ze van het oude geloof.
Wat echter te zeggen, zoo beslistaangeduide punten onvervuld blijven?
God sprak tot Jonas; âNog veertig dagen en Ninive zal verwoest worden.
De veertig dagen verliepen en Ninive bleef gespaard, omdat het zich bekeerd had.
Dergelijke voorbeelden geven ons de H. Boeken 'meermalen.
De profeet, en in de profetie van La Salette de H. Maagd, ziet Gods hand opgeheven tot den slag, hij ziet het dreigende van des Heeren gramschap en spreekt.
Luistert echter het Volk naar de vermaning van Godes gezant, welaan. Zijne Barmhartigheid is grenzeloos, Hij zal Zijn volk sparen. Zullen de natiën luisteren naar de dringende vermaningen der H. Maagd, misschien zal God ook dan weer zijn dreigende Hand terughouden en vergeving schenken aan zijn smeekend volk. Wie kan vermoeden, hoeveel straffen de gedurige smeekingen van duizenden kloosterlingen, hun verstervingen, kastijding en vasten reeds hebben weerhouden ? wie getuigen hoe de kloeke heldenmoed van Rome's kerk, die heilbrengend dringt tot de diepste wouden van Afrika, tot de verzengende steppen van Amerika, die zich opoffert in ziekenhuizen en hospitalen gesproken heeft tot den geweldig Rechtvaardige van zijne Oneindige Barmhartigheid?
60
B.
Het gezag des Pausen.
Het gezag der rede noopt ons derhalve de gansche openbaring te aanvaarden van LaSalette; bevestigen we thans hare geloofwaardigheid met het gezag van den paus. Christus sprak tot zijne leerlingen: âGaat en onderwijst alle volkerenquot;; de H. Maagd zeide aan de kinderen der eenvoudi-gen; ge zult het verkonden aan mijn gansche volk.quot; De Apostelen volgden het gebod des Zaligmakers en marteling noch pijn hebben hen weerhouden; Melania volgt hare roeping tot aan den dood en de Vader der Christenheid, van wien het âgaat en onderwijstquot; met de volle frissche kracht van het eeuwig jonge woord des Verlossers weldoende gaat over do gansche aarde, hij bekrachtigt deze zending en wijdt ze door zijn machtig gezag.
We bewijzen;
Ofwel de Paus gelooft aan de openbaring en dan zal hij de verspeiding ervan aanmoedigen.
Ofwel Z. H. verwerpt ze, en dan moet hij ze verbieden en de herderin het stilzwijgen gelasten.
Welnu de Paus moedigt de verspreiding aan der openbaring, we mogen aannemen dat hij ze gelooft.
De paus moedigt aan:
Pius IX, z. g. zond drie achtereenvolgende malen een eigenhandig geschreven Apostolischen zegen naar Mgr. Girard, om Zijne Bijzondere ingenomenheid te betuigen met de werken, door dezen vurigen vereerder van La Salette uitgegeven ter verdediging van Melania, van haar geheim, hare zending.
Leo XIII ontbood Melania naar Rome, begunstigde haar
61
met verschillende particuliere audiënties en droeg haar op, de regelen voor een nieuwe orde, geroepen om glorievol een heeten kamp te strijden in het barnen der laatste tijden op schrift te stellen.
Zijne Heiligheid ontving de Openbaring. Hij liet ze onderzoeken door het H. College der kardinalen en sprak: âIk zegen van ganscher harte La Salet te.quot;
En dit alles, terwijl Frankrijk in beroering was, terwijl vurige vereerders en hardnekkige tegenstanders een vinnigen strijd streden, terwijl het Gouvernement zich mengde in den kamp, en zich ontdeed van âde lastige zienster.quot;
De Paus aarzelde niet. Hij wist welk een uitwerking-zijne woorden zouden hebben, welk gewicht door de voorstanders zou gehecht worden aan de minste goedkeuring van den H. Stoel; de Paus mart niet, hij plaatst zijn gezag in den strijd ten gunste der profete.
Op den Zaterdag vóór paschen van het jaar 1880 droeg Z. H. op aan den advocaat Amadée Nicolas te Limoges, den roemrijken verdediger van La Salette , een werk te schrijven ter verdediging van Melania.
Van uit het Va ti ca an is dit werk gesteund en zijn documenten verschaft aan den eervollen schrijver.
In plaats dus van het stilzwijgen te gebieden aan de Maagd van La Salette , begunstigde hij haar op eene bijzondere, zeer in het oog springende wijze, terwijl de gansche wereld het oog gericht hield op de uitspraak van den H. Stoel.
In plaats van de vereering te verbieden, welke het vrome landvolk en de geloovigen van Frankrijk, door de mirakelen van O. L. V. van La Salette getrokken, haar brengen, staat Leo XIII toe aan Mgr. Fava , dat hij plechtig en met alle ceremonien, welke kerkelijke wetten en teedere gods-
62
vruclit ingeven, liet beeld krone van Onze Lieve Vrouw van La. Saleïte.
En opdat de gansche Katholieke Kerk zou begrijpen de hooge waarde en beteekenis, welke Z. H. hechtte aan deze kroning, gelastte Ihj aan Melania en Mgr. Fava, nog vóór zij vertrokken waren uit Rome, de stichting en vestiging der nieuwe orde: âde Apostelen der laatste tijden.quot;
Het gezag van de Rede, het gezag van den Paus spreekt dus voor de Openbaring van La Salette.
Pius IX wil het, Leo XIII wil het, ook God wil het.
Door een bijzondere gunst zijner Almacht schonk God gedurende haar leven nog meermalen de gunst der Voorzegging aan Melanie.
Zij, de eenvoudige, nederige Maagd hield stand tegen Frankrijk, tegen geheel Europa, tegen geestelijke als wereldlijke bestrijders, dat God had gesproken door haren mond. Zij wijfelde geen oogenblik met het beantwoorden der honderden strikvragen haar gesteld, zij herhaalde, en zij alleen tegenover hare geleerde onderzoekers, met klem en vastheid den woordelijken zuiveren tekst der Openbaring.
Gods bijzondere hulp steunde haar in het leven. Toen zij hare stem verhief tegen Napoleon III, en op het oogenblik, dat allen zijn lof bezongen, hem verrader noemde, schurk, huichelaar en monster, doorzag ze met Gods bijzondere hulp zijn verraderlijke politiek die met de Conventie van 15 Sept. regelrecht voerde naar Sédan.
Toen de Pruisen aanrukten op Parijs voorspelde zij, dat de hoofdstad gedeeltelijk in vlammen zou opgaan, niet echter door de soldaten van het Duitsche leger, maar door de petroleuses der Commune.
En als in 1873 de monarchalen de komst verwachtten van den grooten koning ? als zij de lelie hechtten aan de blanke
63
vaan en triumfbogen gereed maakten voor den aanstaanden redder? Dan schrijft Melania tegen alle verwachtingen der monarchale partij, tegen hun geestdrift en overtuiging: âDe koning is verderaf, dan men denkt, als hij zal gekomen zijn, zal men zijn prijs kennen.quot;
In Frankrijk algemeen, in Italië met klem noemde men Pius IX den grooten Paus, die den triumf zou beleven der Kerk.
Melania verklaarde weer, alleen tegen allen , dat noch Pius IX, noch zijn opvolger de glorie zou zien der Kerk.
God bekrachtigde de zending van het herdersmeisje meermalen dus: zijn Bijzondere hulp en voorlichting schonk de Sterke God aan Zijne zwakke dienstmaagd.
En vervulde Zijne Rechtvaardigheid sinds het jaar der Openbaring niet vele der verschrikkelijke voorspellingen.''
Wij zagen het in Hoofdstuk III en IV.
Op een duidelijke en zichtbare wijze is de âboodschapquot; van 's Ileeren dienstmaagd gewijd door den Heer.
Dat de menschheid deze waarheid inzie en handele naar hare raadgevingen.
Dat de goeden en rechtvaardigen hun gebed verdubbelen, de slechten zich keeren tot de boetvaardigheid, opdat God zich ontferme over Zijn volk.
Paree Dotnine, paree populo tuo.