ocr page 1

NIEUW HANDBOEKJE

voor'de

Wereldlijke Derde Orde.

ocr page 2
ocr page 3

Ir-

NIEUW HANDBOEKJE

VOOR UE

-N Li e d e n lt;~

DER

4 Wereldlijke Derde Orde |4

VAN DEN

ïi. Franciscus van Assisië,

op last en gezag van den Hoogeerw.

Pater Provinciaal der Minderbroeders van Nederland

■J?

ocr page 4

Px.acet, Imprimatur.

Fr. STEPH, VAN DE BURGT,

Min. Prov.

Werth/e, hac 14 Jan. 189S.

Imprimatur,

L. BERKVENS, J.ibror. Censor.

Haaren, hac 20 Jan. 1898.

ocr page 5

voorwoord.

•-g^va de verschijning der Constitutie Misc-ricors (30 Mei 1883), welke den Regel der Franciscaansche wereldlijke Derde Orde in eenige punten verzacht en hare aflaten en voorrechten bepaalt, zijn er, aangaande die lt; )rde, vooral in de laatste jaren, door den H. Stoel onderscheidene besluiten uitgevaardigd en aan hare leden nieuwe aflaten en voorrechten verleend; vandaar dit Nieuwe Handboekje,l)ewerkt overeenkomstig die nieuwste bepalingen en concessiën van den H. Stoel 1) Behalve de Encycliek A us pi ca io van den 17 September 1882, die eene heerlijke schets der geschiedenis van de Derde Orde geeft, en de Constitutie Miscricors met den gewij-zigden regel en de lijst der aflaten en voorrechten bevat dit handboekje eene beknopte verhandeling over het wezen, de leiding en de inrichting van de Derde Orde, ■— eene verklarende omschrijving van de voorschriften

l) Bijzonder is gebruik gemaakt van het Directorium Tertii Ordinis saecnlaris S. J'. Francisci juxta uovissima S. Sedis decreia dispositnm .... anclore P. I'etro Mocc/iegiani a Monsano etc,

ocr page 6

6

des Regels met de daarop betrekkelijke bepalingen der Statuten van Innocentius XI en de bijzondere verordeningen van onzen Hoog-eenv. Pater Provinciaal voor de Tertiarissen, die onder zijne geestelijke macht staan, — alsmede een overzicht van de verplichtingen der Tertiarissen. Vervolgens vindt men eene opsomming der aflaten en voorrechten in eene volgorde, meer gemakkelijk voor het gebruik, waarbij telkens de voorwaarden worden aangegeven, om die aflaten te verdienen. Daarna volgt het Ceremonieel der Orde, met hier en daar verklarende aanmerkingen, waaraan in afzonderlijke artikelen een volgorde is toegevoegd voor bijzondere plechtigheden, die in onze Congregatiën gebruikelijk zijn; eindelijk volgen eenige gebeden.

Moge onder Gods zegen, door de voorspraak van Maria Onbevlekt Ontvangen, van den H. Vader Franciscus en van den H. Patroon Ludovicus, dit werk strekken tot volmaakte onderhouding van den Regel, tot geestelijk nut der Tertiarissen en tot bloei der Derde Orde in ons vaderland !

ocr page 7

Encycliek11

VAN ONZEN HEILIGEN VADER

LEO XIII,

6oor be (éoamp;bcl'ijttc quot;ïToor^tonujBeib quot;g^aus,

AAN ALLE PATRIARCHEN, PRIMATEN, AARTSBISSCHOPPEN EN BISSCHOPPEN DER KATHOLIEKE WERELD, DIE IN GUNST EN GEMEENSCHAP ZIJN MET DEN APOS-TOLISCHEN STOEL.

Eerwaardige Broeders,

heil en aposiolischen zegen.

v*quot;gt;VOor een gelukkig voorrecht mag het c»—J Christenvolk binnen eene korte tijdsruimte de gedachtenis van twee mannen herdenken, die tot de eeuwige belooningen der heiligheid zijn opgeroepen ten hemel en een uitstekende schaar van volgelingen, als telkens weder opgroeiende spruiten hunner deugden, op aarde hebben nagelaten. — Want na het eeuwfeest ter gedachtenis van

(i) De vertaling van deze Encycliek is met toestemming der Redactie van De Katholiek uit dat verdienstelijk tijdschrift overgenomen.

ocr page 8

8

Benedictus, den vader en wetgever der monniken in het Westen, biedt zich een niet ongelijke gelegenheid welhaast aan, om Fran-ciscus van Assisië, bij het eindigen der zevende eeuw na zijne geboorte, een openbare hulde te brengen. En Wij meenen niet zonder grond, dat dit door een goedertieren leiding der goddelijke voorzienigheid geschiedt. Want door hun den geboortedag van zulke heilige vaders ter viering voor testellen, schijnt God de menschen te willen vermanen, zich de zeer groote verdiensten dier heiligen te binnen te brengen, en tevens in te zien, dat de door hen gestichte kloosterorden geenszins zoo onwaardig hadden aangerand moeten worden, vooral niet in die Staten, wier beschaving en roem zij door hun arbeid, hun geestesgaven, hun ijverigen toeleg verhoogd hebben. — Wij vertrouwen, dat deze plechtige viering niet onvruchtbaar zal zijn voor het Christenvolk, hetwelk niet ten onrechte de kloosterlingen altijd voor zijne vrienden placht te houden : en derhalve, zooals het tien naam van Benedictus met groote toewijding en dankbaar gemoed vereerd heeft, zoo zal het nu om strijd de gedachtenis van Fran-ciscus met feestelijke hulde en veelvuldige liefdebetuiging vernieuwen. En die lofwaardige wedstrijd van toewijding en vereering

ocr page 9

9

beperkt zich niet tot lt;lc streek, waar de heilige man het levenslicht zag, noch tot de landen in de nabijheid der plaats, die hij door zijne tegenwoordigheid eerwaardig maakte, maar is verre uitgebreid tot alle gewesten der aarde, waar of de naam van Franciscus vermaard werd óf zijne instellingen bloeien.

Dezen innigen ijver voor eene uitstekend goede zaak keurt, voorwaar, niemand meer goed dan Wij; vooral dewijl Wij ()ns, van onze jeugd af, gewoon gemaakt hebben Franciscus van Assisië met bewondering en bijzondere godsvrucht te vereeren, en Wij er groot op gaan in de Orde der Franciscanen te zijn opgenomen, en Wij meer dan eens uit godsvrucht het heilige Alvernische gebergte met opgewekte blijdschap hebben beklommen, waar het beeld van dezen zoo uitstekenden man, op welke plaats we ook den voet zetten, ons voor den geest oprees, en die eenzaamheid, zoo vol herinneringen, onze ziel in stille overpeinzing bevangen hield. —-Doch nu, hoe lofwaardig deze ijver is, daarin is geenszins alles begrepen. Want zoo moet men denken over de eerbewijzingen, die den Heiligen Franciscus gegeven worden, dat zij dengene, wien zij gelden, het meest welgevallig zullen zijn, indien zij vruchtbaar zijn voor hen, welke ze brengen. Nu bestaat de

ocr page 10

IO

degelijke en onvergankelijke vrucht hierin, dat de menschen zich eenige gelijkenis verwerven met hem, wiens uitstekende deugd zij bewonderen, en dat zij zich toeleggen door zijne navolging beter te worden. En wanneer zij dit met Gods hulp ijverig ten uitvoer brengen, dan zal er, voorzeker, een .geschikt en zeer werkdadig geneesmiddel voor de tegenwoordige rampen gevonden zijn. — Wij willen U, Eerwaardige Broeders, derhalve door dezen Brief toespreken, niet slechts om onze godsvrucht jegens Franciscus openlijk te betuigen, maar ook om uwe liefde op te wekken, opdat Gij even als Wij en met Ons U toelegt aan het welzijn der.menschen door middel van dat geneesmiddel, wat Wij noemden. Uwe zorgen te wijden.

De Verlosser van het menschelijk geslacht, Jesus Christus, is de altijddurende en steeds vloeiende bron van alle goed, wat van Gods oneindige liefderijkheid tot ons komt, en wel zoozeer dat Hij, die eenmaal de wereld verloste, haar ook in alle eeuwen verlossen zal: TFani cr is geen andere naam onder den hemel den menschen gegeven, waarin wij zalig moeien worden, (i) Wanneer het dus somtijds door de gebrekkelijkheid der natuur of de

(i) Hand. IV, 13.

ocr page 11

11

schuld der menschon geschiedt, dat het men-schelijk geslacht ter verkeerde zijde afwijkt en een buitengewone hulp om vrij te komen schijnt te behoeven, dan is het dringend noodzakelijk zich tot Jesus Christus te kee-ren, en dit voor de beste en zekerste toevlucht te houden. Immers zijn goddelijke kracht is zoo groot en vermag zooveel, dat zij in staat is èn om alle gevaren te verdrijven èn om alle rampen te genezen. Kn de genezing nu zal zeker zijn, indien het menschelijke geslacht slechts tot de betrachting der christelijke wijsheid en tot de levensregelen des Evangelies wordt teruggebracht. Wanneer soms de rampen, die Wij noemden, ons overvallen, en zoodra de door Hem voorziene tijd van vertroosting tot rijpheid is gekomen, dan wekt God bijna aanstonds een man op, niet een gelijk vele anderen, maar een groot en buitengewoon man, dien Hij roept om het algemeen welzijn te herstellen. Doch dit gebeurde juist tegen het einde der twaalfde eeuw en iets later; de uitvoerder van dit groote werk was Franciscus.

Dat tijdperk evenzeer als de bijzondere aard zijner deugden en ondeugden is genoegzaam bekend. Diep en krachtig was het Katholieke geloof in de zielen gevestigd; en schoon was het, dat zeer velen, in vurige

ocr page 12

12

godsvrucht ontbrand, zich naar Palestina begaven, besloten om te overwinnen of te sterven. Maar evenwel de losbandigheid had de volkszeden zeer veranderd ; en mets was den menschen zoo noodzakelijk, als de her nieuwing van den christelijken geest. — Doch de hoofdzaak der christelijke deugd is eene edele gesteltenis der ziel, (lie in staat is om bezwaren en moeilijkheden te verdragen ; en een zekere beeltenis er van wordt door het kruis voorgesteld, hetwelk zij, die Chüstus willen volgen, op hun schouder moeten laden cn dragen. Kn tot die gesteltenis behooit, dat de geest zich aan tijdelijke zaken onttrekt, dat wij een streng bestier over ons zeiven uitoefenen, dat wij de tegenspoeden met gemak en gematigdheid doorstaan. Kin-delijk is de liefde tot God en tot de naasten boven alle andere de meesteres en koningin der deugden ; en hare kracht is zoo groot, dat zij de lasten, welke met den plicht verbonden zijn, zacht wegneemt, en de inspanningen, hoe groot ook, niet alleen dragelijk, maar zelfs aangenaam maakt.

In de twaalfde eeuw waren deze deugden blijkbaar zeer schaarsch, daar al te velen dwazelijk aan menschelijke belangen of aan de begeerte naar eer en rijkdom geheel verslaafd waren, of hun leven in weelde en genietingen

ocr page 13

13

doorbrachten. Een zeer groote macht was in de handen van weinigen; en hunne rijkdommen dienden bijna tot niets anders dan tot de onderdrukking eener rampzalige en verachte menigte; en zelfs zij, die om hun levensstaat de overigen in toom hadden moeten houden, waren van dergelijke ondeugden niet vrij gebleven. En bij de vrij algemeene verflauwing der liefde waren er verschillende en dagelijks voorkomende rampzaligheden gevolgd; de nijd, de ijverzucht, de haat; en de gemoederen waren zoo verdeeld en tot vijandschap geneigd, dat de steden eener zelfde nabuurschap elkander bij de minste oorzaak door den oorlog ten verderve brachten en de eene burger met den andere op onmenschelijke wijze door het zwaard hunne twisten beslechtten.

In die eeuw viel de levenstijd van Fran-ciscus. Evenwel heeft hij het met bewonderenswaardige standvastigheid, met even grooten eenvoud ondernomen om in woord en daad der verouderende wereld het echte beeld der christelijke volmaaktheid voor oogen te stellen. — Werkelijk, gelijk de groote vader Dominicus Gusman de onschendbaarheid der hemelsche leeringen in denzelfden tijd verdedigde en de booze dwalingen der ketters door het licht der christelijke wijsheid

ocr page 14

14

verdreef; zoo heeft Franciscus, wien God tot groote daden bewoog, dit yeikregen, dat hij de Christenen tot de deugd opwekte en hen, die langen tijd en ver waren afgeweken, tot de navolging van Christus bracht. Het is voorzeker niet toevallig geweest, dat deze uitspraken uit het Evangelie den jongeling ter oore kwamen; Wil noch goud, noch zilver, noch geld in uwe gordels hebben ; geen buidel

op den weg, noch /wee kleederen, noch schoeisel,

noch een s/af. (1) En, Zoo gij volmaakt wilt zijn, ga, verkoop wat gij hebt en geef het

den armen____en kom en volg mij. (2) Hij

legt dit uit alsof het tot hem met name gezegd is, en terstond doet hij afstand van alles, hij verandert van kleeding, hij neemt de armoede tot begeleidster en gezelschap voor geheel zijn leven, en hij wil, dat die hoogste voorschriften der deugden, die hij met verheven en moedigen zin omhelsd had, als

de grondslagen zijner Orde zouden zijn. Sedeit

dien tijd gaat hij, te midden van de zoo groote weekelijkheid en de in den hoogsten graad verfijnde kieschheid zijner eeuw, met verwaarloosde en ruwe kleeding : vraagt hij zijn voedsel van deur tot deur; en verdraagt hij niet zoo zeer, maar neemt hij met bewonderenswaardige gretigheid de spotternijen (I) Matth. X, 9—IO. (2) Malth. XIX, 21.

1

f. I l

ocr page 15

IS

van het verdwaasde volk voor zich op, en wel van zulke spotternijen, als voor de hit-térste doorgaan. Hij had immers de dwaasheid van Christus' Kruis aangenomen en als de volstrekte wijsheid leeren kennen : en toen hij tot in de verheven geheimen van dat Kruis door hooger begrip was doorgedrongen, zag en oordeelde hij, dat hij zijn roem nergens beter vestigen kon. — Tegelijk met de liefde tot het Kruis vervulde Franciscus' gemoed eene vurige liefde, die hem aandreef, om de uitbreiding van den christelijken naam uit ganscher harte op zich te nemen, en zich hiervoor zelfs aan blijkbaar doodsgevaar vrijwillig prijs te geven. Met die liefde omvatte hij alle menschen; maar veel dierbaarder waren hem de behoeftigen en de meest verachten ; zoozeer dat men hem zijn welbehagen zag hebben vooral in hen, die ieder ander gewoon was te vluchten of met trotsche af-keerigheid te behandelen. En aldus heeft hij zich uitstekend verdienstelijk gemaakt voor het in stand houden van dien broederband, welken Christus de Heer herstelde en voltooide, zoodat Hij uit geheel het men-schelijk geslacht als één gezin maakte, dat onder het gebied van God, den éénen vader van allen, gesteld is.

Door de hulp dus van zoovele deugden en

ocr page 16

■:¥' ,

.6

vooral door deze strengheid van leven, poogde die geheel levensreine man het beeld van |esus Christus, voor zooveel hij kon, in zich zelf over te brengen. Doch het bestier der goddelijke voorzienigheid ziet men ook hierin uitschitteren, dat hij in het uitwendige eenige zijden van bijzondere gelijkenis met den god-delijken Verlosser gehad heeft. — Zoo gebeurde het met Franciscus, naar het voorbeeld van Jesus, dat hij in een stal geboren werd, en als sprakeloos kind zulk een legerstede had als eens Christus zelf, namelijk de aarde met stroo bedekt. En toen, zooals verhaald wordt, is de gelijkenis voltooid door Engelenkoren, die in de hoogte blijde rondzweefden, en met hun liefelijk maatgezang de lucht vervulden. Evenzoo voegde hij zich, gelijk Christus het met de Apostelen deed, eenige uitverkoren leerlingen toe, om hun de verschillende landstreken te laten doortrekken, als boodschappers van den christelijken vrede en van de eeuwige zaligheid. Allerarmst, beleedigd, bespot, door de zijnen verworpen, heeft hij ook daarin het beeld van Christus teruggegeven, dat hij zelfs niet het geringste als eigendom wilde bezitten om er zijn hoofd op neer te leggen. Het laatste kenmerk van gelijkenis werd er aan toegevoegd, toen hij op de kruin van den berg Alverna, als op

ocr page 17

i7

zijn Calvarië, tot een voorbeeld gesteld werd, zooals er tot dien tijd nog geen gezien was, en de heilige wonden door goddelijke macht in zijn lichaam ingedrukt werden, en hij als gekruisigd is. — Wij herinneren hier aan een

gebeurtenis, niet minder verheven om haar amp; '

wonderdadig karakter dan beroemd door de lofprijzing der eeuwen. Want toen hij eens in een vurige overdenking van Christus' smarten verzonken was en dezer allergrootste bitterheid in zich opnam en zich als een dorstige er aan laafde, vertoonde zich onvoorziens een Engel, die van den hemel afdaalde : tengevolge van een geheime kracht, die plotseling van dezen uitstraalde, gevoelde Franciscus zijne handen en voeten als met nagelen doorboren en evenzeer zijne zijde als met een scherpe lans wonden. Hierdoor ontving hij een bovenmatigen liefdegloed in zijne ziel; in zijn lichaam droeg hij voor het vervolg de levende en duidelijke afbeelding der wonden van Jesus Christus.

Deze wondervolle gebeurtenissen, eerder

waardig om in de taal der engelen dan in

die der menschen verheerlijkt te worden,

toonen genoegzaam, welk een groot man, en

hoe waardig hij was, dat God hem bestemde

om zijne tijdgenooten tot christelijke zeden

terug te roepen. Immers, bij de kerk van N. Handb. Derde Orde. 2.

£5-quot;-ai

ocr page 18

i8

den H. Damianus hoorde Franciscus eene bovenmenschelijke stem: Ga, steun mijn wankelend huis. En niet minder wonderbaar is - lt;le verschijning, die God aan Innocentius 111 gaf, toen deze meende Franciscus te zien, die met zijne schouders de wankelende muren der Lateraansche Basiliek schraagde. De kracht en beteekenis dezer wonderen is duidelijk ; er werd namelijk te kennen gegeven, dat Franciscus in dat tijdperk geen geringe hulp en steun voor de christelijke maatschappij wezen zou. Inderdaad, hij talmde niet om zich aan het werk te zetten. De twaalf, die zich het eerst onder zijne leiding geplaatst hadden, waren gelijk aan een klein zaadje, dat men spoedig onder den zegen van God en onder de bescherming van den Opperpriester tot een zeer overvloedigen oogst zag opgroeien. Nadat deze alzoo op heilige wijze gevormd waren naar het voorbeeld van Christus, wijst hij hun verschillende streken van Italië en Europa aan om er het Evangelie te prediken, terwijl enkelen onder hen last ontvangen tot Afrika door te dringen. Zij dralen niet: hoewel arm, ongeleerd, onbeschaafd, wagen zij het voor het volk op te treden: op pleinen en in straten beginnen zij zonder spreekgestoelte en zonder praal Vail woorden de menschen te vermanen tot

ocr page 19

19

versmading van de vergankelijke dingen en tot de gedachte aan het toekomstige leven. Een verwonderlijk rijke vrucht beloonde den 1 arbeid van deze schijnbaar zoo ongeschikte werklieden. Want bij scharen stroomt een menigte van volk tot hen samen, begeerig om hen te hooren; alsdan beweenen zij met berouw hunne zonden, vergeten geleden onrecht, en keeren door het bijleggen hunner geschillen tot gevoelens van vrede terug, 't Is ongelooflijk, met welk een zielsdrilt en vervoering bijna, de menigte tot Franciscus getrokken werd. Men volgde hem in dichte scharen, werwaarts hij heenging, en niet zelden smeekten hem uit steden, uit volkrijker plaat sen alle burgers zonder onderscheid, dat hij hen plechtig onder zijn regel zou opnemen. Daardoor is de heilige er toe gebracht het genootschap van de Derde Orde in te stellen, dat eiken stand van menschen, eiken leeftijd, beiderlei geslacht moest opnemen zonder de banden van het gezin en van de huiselijke zaken te verbreken. Want met wijze voorzichtigheid, schreef hij aan die orde niet zoozeer eigen wetten voor, maar de verordeningen zeiven van de wetten des Evangelies, die aan geen Christen al te zwaar kunnen voorkomen. Namelijk : aan de geboden van God en van de Kerk te gehoorzamen.

ocr page 20

20

partijschappen en twisten te verbannen, niets van het eigendom eens anderen weg te nemen, de wapenen niet op te vatten, tenzij voor godsdienst en vaderland, in leefwijze en kleeding voegzame maat te houden, de weelde te vluchten, de gevaarlijke aanlokselen van den dans en van de schouwspel-kunst te vermijden.

Het is gemakkelijk te begrijpen, dat er zeer groote voordeden moesten voortvloeien uit zulk eene instelling, die niet alleen heilzaam was in zich-zelve, maar ook en voornamelijk uitnemend geschikt voor dien woe-ligen tijd. — Deze geschiktheid wordt niet alleen genoegzaam gestaafd door de genootschappen van denzelfden aard, die uit de Dominikaner en uit andere orden ontstonden, maar wordt ook door de uitkomst zelve bevestigd. Inderdaad, alom haastten de men-schen zich, van de laagsten tot de hoogsten, met vurig verlangen en de hoogste zielsbe-geerte in de orde van Franciscus te treden. De eersten, die deze onderscheiding begeerden, waren I,odewijk IX, Koning van Frankrijk, en Elisabeth, de Hongaarsche Koningsdochter ; hen volgden in den loop der tijden vele Pausen, Kardinalen, Bisschoppen, Koningen en Vorsten, die allen de ordeteekenen van Franciscus niet onvereenigbaar achtten

ocr page 21

met hunne waardigheid. — De leden van de Derde Orde toonden evenveel vroomheid als moed in het verdedigen van den Katholieken godsdienst, en al hebben zij zich door die deugden veel haat berokkend van den kant der boozen, aan de goedkeuring van de wijzen en goeden, welke ten hoogste eervol en alleen begeerenswaardig is, heeft het hun nooit ontbroken. Ja, onze Voorganger Gregorius IX zelf heeft hen openlijk met hun geloof en moed geluk gevvenscht en niet geaarzeld hen door zijn gezag te verdedigen en hun den eerenaam van strijders voor Christus, van andere Machabeeen toe te kennen. — En die lof was niet in strijd met de waarheid. Want er lag een krachtig hulpmiddel voor het heil der maatschappij in die Orde, welker leden de deugden en voorschriften van hun stichter voor oogen hielden en zich naar vermogen beijverden de christelijke deugd met nieuwen luister in de maatschappij te doen herleven. Ongetwijfeld zijn dikwerf door hun tusschenkomst en voorbeelden de oneenigheden van partijschappen uitgedoofd of tot bedaren gebracht, zijn de wapenen aan de hand van woestaards ontrukt, zijn de oorzaken van gedingen en twisten weggenomen, heeft de armoede en de verlatenheid leniging gevonden, is de losbandigheid

ocr page 22

22

--—.

beteugeld, die de fortuinen verslindt en het werktuig is des verderfs. Daarom ontspruiten aan de Derde Orde van Franciscus, als aan hun stam huiselijke vrede en openbare rust, reinheid van zeden en zachtmoedigheid, behoorlijk gebruik en beveiliging van den eigendom, welke de hechtste steunpilaren zijn van beschaving en welvaart, en het behoud van deze voorrechten heeft Europa voor een groot gedeelte aan Franciscus te danken.

Meer echter dan een der overige volkeren heeft Italië aan Franciscus te danken, dat het voornaamste tooneel zijner deugden is geweest en evenzoo zijne weldaden het meest ondervonden heeft. — En wel in een tijd, waarin velen zich dikwerf beijverden om anderen onrecht aan te doen, bood hij steeds de hand aan den bedrukte en gevallene J rijk te midden der uiterste armoede, hield hij nimmer op de nooddruft van anderen te lenigen zonder aan de zijne te denken. Zoet liet de jeugdige taal zijns vaderlands haar eerste klanken uit zijn mond hooren : de vervoering zijner liefde en zijner poëzij tevens stortte hij uit in lofzangen, die bestemd waren om door liet volk van buiten geleerd te worden, en die de bewondering niet onwaardig gekeurd zijn door de letterkundigen van het nageslacht. Bij de gedachte aan Franciscus

B i I

i-ï

i I

ocr page 23

23

heeft zekere aanblazing en meer dan men-schelijke bezieling den geest onzer landge-nooten ontvonkt, en wel zoo, dat de pogingen der grootste kunstenaars gewedijverd hebben om de gebeurtenissen zijns levens in schildering, of in steen of in metaal af te beelden. In Franciscus vond Alighieri eene dichtstof, die hij in even verheven als welluidende verzen kon bezingen; aan zijn leven ontleenden Cimabue en Giotto tafereelen, die zij in de kleurtinten van Parrhasius onsterfelijk maakten ; aan hem dankten beroemde bouwkunstenaars de ideeën, die zij in groot-sche bouwwerken uitdrukten, zoowel bij het graf van dezen allerarmsten heilige, als bij de kerk van Maria der Engelen, die van zoo vele en groote mirakelen getuige was. Naar deze heiligdommen plegen talrijke scharen van alle kanten heen te trekken, ten einde den vader der armen van Assisie te vereeren, wien de gaven der goddelijke goedheid even ruim en overvloedig toestroomden als hij zich-zelven volslagen van tijdelijke bezittingen ontdaan had.

Derhalve is blijkbaar van dezen éénen man een macht van weldaden aan de christelijke en aan de burgerlijke maatschappij toegevloeid. Doch omdat zijne gezindheid in volheid en bij uitstek christelijk is en op wonderbare wijze

ocr page 24

24

voor alle plaatsen en tijden voegt, kan nie-maml het betwijfelen, dat de instellingen van Franciscus in deze onze eeuw grootelijks voordeelig zullen zijn. Des te meer, dewijl de gesteltenis van onzen tijd om vele redenen die van zijnen tijd schijnt nabij te komen. — Gelijk in de twaalfde eeuw, is evenzoo nu de liefde niet weinig verkoeld, is er hetzij door onwetendheid, hetzij door verwaarloozing niet weinig stoornis in de vervulling dei-christelijke plichten. Met gelijke geestesrichting en met gelijke inspanning brengen zeer velen hun leven door in het streven naar tijdelijk voordeel en in het begeerig najagen van genot. Overgegeven aan alle weelderigheid, verkwisten zij, wat zij bezitten, verlangen zij naar het eigendom van anderen ; in naam verheffen zij de onderlinge broederschap der menschen ; hun woord evenwel spreekt meer van broederlijke liefde dan hunne daden; want zij worden door de eigenliefde gedreven, en die echte liefde jegens de minderen en de armen vermindert bij den dag. ■— in den tijd van Franciscus had de veel voudige dwaling der Albigensen, door het oproer tegen de macht der Kerk aan te stoken, tegelijk den Staat in verwarring gebracht, en den weg tot een zeker Socialismus gebaand. En thans zijn evenzoo de begunstigers

ocr page 25

25

en verspreiders van het Naiuralismus toegenomen, welke hardnekkig loochenen, dat men aan de Kerk onderdanig moet zijn, en geleidelijk en trapsgewijze verder voortgaande, zelfs de burgerlijke macht niet ontzien, het geweld en de volksoproeren goedkeuren, het eigendomsrecht aanranden, de hartstochten der volksheffe vleien, de grondslagen dei-huiselijke en der openbare orde verzwakken.

Bij deze zoo talrijke en zoo groote rampspoeden kan er derhalve, zooals (lij. Eerwaardige Broeders, duidelijk inziet, redelijkerwijze een niet zwakke hoop op hulp gebouwd worden op de instellingen van Franciscus, wanneer zij maar in haar vorigen staat hersteld worden. — Want bloeiden zij, dan zou ook gereedelijk het geloof en de godsvrucht en al wat voor den Christen lofwaardig is bloeien, dan zou de overmatige begeerte naar vergankelijke zaken geknakt worden, en men zou er geen afkeer van hebben, zijne hartstochten uit kracht van deugd te temmen, wat voor velen als de zwaarste en hatelijkste last geldt. Door de banden eener waarlijk broederlijke eendracht verbonden, zouden de menschen elkander onderling liefhebben, en aan de behoeftigen en ongelukkigen, als dragers van Christus' beeld, den eerbied bewijzen, waar zij recht

ocr page 26

op hebben. — Buitendien, zij, die van den christelijken godsdienst innig zijn doordrongen, zijn met zekerheid overtuigd, dat men aan het wettig gezag uit bewustzijn van plicht gehoorzamen, en niemands rechten in iets schenden moet; en zulk een zielsgesteltenis is het werkdadigste middel om al wat onder het aangegeven opzicht verkeerd is met wortel en tak uit te roeien; de gewelddadigheid, de onrechtvaardigheden, de begeerte naar omwentelingen, de afgunst tusschen de verschillende standen der maatschappij ; alles tevens oorzaken en wapenen van het Socia-lismus. — Eindelijk zal ook het vraagstuk, waaraan de staathuishoudkundigen zooveel arbeid ten koste leggen, over de verhouding tusschen rijken en armen, zeer goed opgelost zijn, wanneer het vaststaat en met overtuiging is aangenomen : dat de armoede hare eerwaardigheid heeft, dat de rijke barmhartig en mild, de arme met zijn staat en door zijn arbeid tevreden moet zijn, en dat, daar geen van beiden voor deze veranderlijke goederen geboren is, de eene door geduld, de andere door mildheid naar den hemel moet opgaan.

Om deze redenen is het sedert lang Ons vurig verlangen, dat ieder zich naar best vermogen op de navolging van Franciscus van Assisië toelegge. —- Zooals Wij derhalve

ocr page 27

27

steeds te voren aan de Derde Orde der Franciscanen een bijzondere belangstelling hebben gewijd, zoo maken Wij ook nu, nadat Wij door Gods allerhoogste goedheid tot de uitoefening van het Opperherderschap geroepen werden, van de geschikte gelegenheid gebruik, en vermanen Wij de Christenen, toch niet na te laten om zich bij deze heilige krijgs-schaar van Jesus Christus te doen opnemen. Op verscheidene plaatsen worden er zeer velen van beider geslacht geteld, die reeds met blijden moed de voetstappen van den Seraph ij nsch en Vader drukken. Hun ijver prijzen Wij en keuren Wij goed, doch zóó dat Wij hem, vooral door uwe pogingen. Eerwaardige Broeders, verhoogd en onder meerderen verbreid wenschen te zien. — Kn de hoofdzaak onzer aanbeveling is, dat zij, die de onderscheidingsteekenen der Boetvaardigheid hebben aangenomen, op het beeld van hun zeer heiligen insteller den blik vestigen en streven er aan gelijkvormig te worden : ontbreekt dit, dan zal het goed, dat er van verwacht kan worden, van geene waarde zijn. Draagt dus zorg, dat men de Derde Orde algemeen kenne en naar waarheid waardeere ; maakt, dat zij, die de zielzorg uitoefenen, ijverig leeren, wat die Derde Orde is, hoe gemakkelijk ieder in haar kan worden

ocr page 28

28

opgenomen, welk een overvloed van voorrechten, die der ziel ten heil strekken, zij bezit, hoeveel goeds zij én voor het bijzondere én voor het openbare leven belooft. En er moet hiervoor des te meer moeite besteed worden, dewijl de leden der Eerste en der Tweede Orde van den H. Franciscus thans, door zware vervolging geteisterd, onder onverdiend leed gebukt gaan. Dat zij toch, verdedigd door de bescherming van hunnen vader, spoedig uit zoovele tegenspoeden ge red, in kracht en bloei mogen vooruitgaan ! Och of ook de Christenvolken in menigte aan den regel der Derde Orde mogen deelnemen, met zooveel vuur en in zulk een getal, als zij voorheen van alle kanten om strijd naar Franciscus zei ven toestroomden ! — Maar dit vragen AVij met meerderen drang en dit verwachten Wij met hooger recht van de Italianen, wien de nauwe band van hetzelfde vaderland en de grootere overvloed van ontvangen weldaden een inniger genegenheid en een hoogere dankbaarheid jegens Franciscus opleggen. Zoo toch zou, na zeven eeuwen, het Italiaansche volk en de geheele Christenwereld het aan den weldadigen invloed van den heilige van Assisie dank weten, van de verwarring tot de rust, van het verderf tot de veiligheid teruggebracht

ocr page 29

29

te zijn. I,aat ons dit met gezamenlijk gebed, vooral in deze dagen, van Franciseus zelf afsmeeken; zoeken wij dit evenzeer te verkrijgen van de Maagd en Moeder Gods Maria, die de godsvrucht en deugd van haren dienaar steeds met hemelsche bescherming en buitengewone gaven beloonde.

Intusschen schenken Wij U, Eerwaardige Broeders, en aan geheel de Geestelijkheiden aan het geloovige volk, dat aan ieder van U is toevertrouwd, in de volheid onzer liefde, den Apostolischen zegen, ten onderpand der hemelsche gunsten en ten bewijs onzer bijzondere genegenheid.

Gegeven te Rome, bij St. 1'ieter, den 17 September icS82, in het vijfde jaar van ons Pausschap.

LEO Xlll, Paus.

ocr page 30

VAN ONZEN HEILIGEN VADER

LEO XIII,

door de Goddelijke Voorzieniglieid Paus,

OVER

den Regel van de wereldlijke Derde Orde

DER FRANCISCANEN.

. V. ■gt; . ,

LEO BISSCHOP,

DIEKAAH DE 11 DIENAKEN GODS, icr eeuwige gedachtenis. e barmhartige Zoon Gods, die, door

den menschen een zoet juk en lichten

last op te leggen, zorg gedragen heeft voor het leven en welzijn van allen, heeft de Kerk door Hem gesticht, nagelaten als erfgename, niet alleen van Zijne macht, maar ook van Zijne barmhartigheid, opdat de weldaden, door Hem verworven, met dezelfde mate van liefde, aan alle geslachten der eeuwen (i) De vertaling van deze Constitutie is bewerkt naar de authentieke Italiaansche overzetting.

ocr page 31

3i

zouden medegedeeld worden. Gelijk derhalve in alles, wat Jezus Christus tijdens Zijn sterfelijk leven gedaan of geboden heeft, altijd eene zachtmoedige wijsheid en grootheid van onverwinnelijke goedheid uitschitterde, zoo treedt eveneens in elke instelling der Kerk zulk eene bewonderenswaardige toegevendheid en zachtzinnigheid in het licht, dat het duidelijk is, dat zij ook hierin het evenbeeld van God, die liefde is, (i) in zich draagt. Aan deze moederlijke teederheid nu is het vooral eigen, de wetten, zoover het mogelijk is, in wijze overeenstemming te brengen met de tijden en zeden, en in voorschriften en eischen altijd de hoogste billijkheid in acht te nemen. En juist door deze even wijze als liefderijke matiging vereenigt de Kerk de volstrekte en eeuwige onveranderlijkheid harer leer met eene wijze verscheidenheid harer tucht.

Ons in de uitoefening van Ons Opperpriesterschap met hart en geest naar deze handelwijze voegende, achten Wij liet Onzen plicht den aard der tijden aan eene onpartijdige beoordeeling te onderwerpen, en alle omstandigheden nauwkeurig gade te slaan, of er misschien niet eenige moeielijkheid bestaat, waardoor iemand wordt afgeschrikt (i) I Joan, IV, 16.

ocr page 32

32

van de beoefening der heilzame deugden. En ditmaal heeft het Ons behaagd, het Fran-ciscaansche Genootschap van de wereldlijke Derde Orde naar dezen maatstaf nauwlettend te onderzoeken, en met behoedzaamheid te beslissen, of het noodig mocht zijn, zijne voorschriften een weinig te verzachten ter wille van de veranderde tijden.

Deze voortreffelijke instelling van den H. Vader Franciscus hebben Wij reeds warm in de godsvrucht der geloovigen aanbevolen door onze Encycliek Auspicato, welke Wij den 17quot; September van het vorig jaar uitvaardigden. Zulks deden Wij in het \ erlangen en uitsluitend met het inzicht, om zoovelen, als maar mogelijk was, door Onze uitnoodiging bijtijds terug te roepen tot de beoefening der christelijke volmaaktheid. De voornaamste oorzaak toch van de rampen, die ons drukken, en van de gevaren, die ons dreigen, is de verwaarloozing der christelijke deugden. Om nu die rampen te heelen en die gevaren af te wenden, staat geen andere weg open, dan dat de menschen afzonderlijk en de maatschappij zich haasten terug te keeren tot Jezus Christus, die voor eeuwig zuhg vidkcn kciu degcucu^ welke dooi Hem toi God gaan. (i) Welnu, de instellingen quot;quot;oöquot;Hebr. VII, 25.

ocr page 33

33

van den H. Franciscus hebben juist de onderhouding der geboden van Jezus Christus ten doel; niets anders toch beoogde hun zeer heilige Stichter, dan in zijn instellingen als 't ware eene oefenschool te openen, waarin men zich met meer nauwgezetheid op het christelijk leven zou toeleggen. Zeker, de beide eerste Franciscaansche Orden, ingericht tot de beoefening van verheven deugden, streven naar iets, dat meer volmaakt, meer goddelijk is; doch deze twee orden zijn slechts voor weinigen toegankelijk, namelijk alleen voor degenen, wien het door Gods bijzondere genade geschonken is, tot de hei ligheid der Evangelische raden met ongewone geestdrift te stroven. De Derde Orde daarentegen is uitteraard geschikt voor het volk, en hoeveel zij vermag, om goede, zuivere, godsdienstige zeden te vormen, bewijzen de zaak zelve en de jaarboeken der vorige tijden.

Aan God, die de goede voornemens instort en steunt, moeten Wij het danken, dat de ooren van het christenvolk voor Onze aanmaningen niet gesloten bleven. Uit zeer vele plaatsen zelfs bericht men Ons, dat de godsvrucht tot den H. Franciscus van As-sisië een nieuw leven ingestort, en overal het getal aangegroeid is van degenen, die N, Handb, Derde Orde. 3.

ocr page 34

34

verlangen in de Derde Orde opgenomen te worden. Om derhalve deze beweging een snelleren voortgang te doen hebben, namen Wij het besluit Onze aandacht te vestigen op datgene, waardoor deze heilzame strooming der gemoederen kon schijnen eenigszins tegengehouden of vertraagd te worden. Op de eerste plaats onderzochten AVij den Regel van ile Derde Orde, welke door Onzen Voorganger Nicolans IV, bij de Apostolische Constitutie Supra montem van den 18quot; Augustus 1289, is goedgekeurd en bekrachtigd, en Wij bevonden, dat deze niet volkomen beantwoordt aan de tijden en zeden, die wij thans beleven. Daar dientengevolge de aan genomen verplichtingen zonder bovenmatige bezwaren en moeite niet kunnen vervuld worden, was het tot dusverre noodzakelijk de leden op hun verzoek van verschillende voorname bepalingen des Regels te ontslaan, en dat zulks zonder nadeel van de algemeene tucht niet kan geschieden, laat zich gemakkelijk begrijpen.

Vervolgens wras er in dat Genootschap nog eene andere aangelegenheid, die Onze zorgen vereischte. Onze Voorgangers, de Roomsche Opperpriesters, reeds van den beginne af met de hoogste welwillendheid jegens de Derde Orde bezield, hebben namelijk aan de

ocr page 35

35

Tertiarissen, tot uitboeting der schulden, vele en zeer uitgestrekte aflaten verleend. Aangaande den aard en de uitgestrektheid dezer aflaten ontstond na verloop van tijd twijfel en onzekerheid ; vandaar was liet dikwijls een geschilpunt, of men in bepaalde gevallen wel zekerheid had van de pauselijke inwilliging, en wanneer of in welke mate men daarvan gebruik kon maken. De Apostolische Stoel bleef voorzeker niet in gebreke, in deze zaak voorziening aan te brengen; met name, Paus Benedictus XIV maakte door zijne Constitutie A// Romamim Ponti ficem van den 15quot; Maart 1751 een einde aan de eerste twijfelingen, die ontstaan waren ; doch, zooals gewoonlijk geschiedt, zijn van lieverlede niet weinige andere weer opgerezen.

Door de beschouwing dier ongeregeldheden aangesjjoord, hebben Wij daarom uit de kardinalen der H. Roomsche Kerk, behoo-rende tot de H. Congregatie der Aflaten en H. Reliquieën eenige aangesteld, om den oorspronkelijken Regel der Tertiarissen zorgvuldig te herzien, en tevens om alle aflaten en voorrechten in het kort bijeen te brengen en te onderzoeken, en na rijp beraad Ons een verslag uit te brengen over datgene, wat naar hun oordeel overeenkomstig de tijdsomstandigheden behouden, en wat veranderd

ocr page 36

36

moest worden. Na de zaak volgens opdracht ten einde gebracht te hebben, stelden genoemde kardinalen Ons voor, dat men de oude voorschriften door verandering van sommige punten naar de tegenwoordige manier van leven moest wijzigen en daarmede in overeenstemming brengen. Wat nu de aflaten aangaat, waren zij van oordeel, dat, om allen twijfel weg te nemen en het gevaar te vermijden van iets wederrechtelijk te doen. Wij wijs en goed zouden handelen, met naar het voorbeeld van Benedictus XIV alle tot dusverre bestaande aflaten terug te roepen en vervallen te verklaren, en geheel opnieuw andere aan het Genootschap toe te kennen.

Derhalve, tot bevordering van wat heilzaam is, tot meerdere eer van God, tot krachtiger opwekking van den ijver voor de godsvrucht en andere christelijke deugden, vernieuwen en bekrachtigen Wij door deze Constitutie en door Ons Apostolisch gezag den Regel der wereldlijke Derde Orde van den H. Franciscus, op de wijze als die hieronder geschreven staat. Men denke echter niet, dat daardoor iets ontnomen is aan het innerlijk wezen der Orde zelve, want het is Onze uitdrukkelijke wil, dat dit onveranderd en ongeschonden blijve bestaan. Daarenboven willen en bevelen Wij, dat alle Tertiarissen

ocr page 37

37

gebruik kunnen maken van de aflaten en voorrechten, welke in de beneden staande lijst worden opgenoemd, terwijl Wij tevens alle aflaten en voorrechten geheel en al te niet doen, die deze Apostolische Stoel te eeniger tijd, onder welken naam of vorm ook, aan dat zelfde Genootschap tot dezen dag heeft toegestaan.

ocr page 38

REGEL

DER

WERELDLIJKE DERDE ORDE

VAN DEN

H- F^AflciscUs.

li K R S T K H O O F D S T U K. Over de Aanneming, den Proeftijd en de Professie.

§ r. Niemand mag in dc Derde Orde aangenomen worden, die niet ouder is dan veertien jaren en van een goed gedrag, vredelievend en vooral van een beproefde trouw in de belijdenis van het katholiek geloof en van beproefde ge-hoorzaamheid aan de Roomsche Kerken den Apostolischen Stoel.

^ 2. De gehuwde vrouwen mogen zonder voorkennis en toestemming van haar man niet aangenomen worden, behalve wanneer de biechtvader mocht oordeelen, dat er reden bestaat om anders te handelen.

ocr page 39

39

§ 3- 'eden van het Genootschap

moeten het klein scapulier met het koord volgens gebruik dragen ; dragen zij het niet, dan worden zij niet deelachtig aan de verleende voorrechten en rechten.

§ 4. Na de intrede in de Orde, hebben tie Tertiarissen het eerste jaar tot proeftijd ; wanneer zij vervolgens op de voorgeschreven wijze tot de professie der Orde zijn toegelaten, beloven zij de geboden van God te onderhouden, gehoorzaam te zijn aan de Kerk en bereidvaardig de boete te volbrengen, indien zij in iets aan hunne professie te kort zijn gebleven.

T W E EDE 11 O O F D S T U K, Over de Wijze van Leven.

§ 1. De Tertiarissen moeten zich in alles onthouden van weelde en overdreven opschik, en dien regel der middelmaat in acht nemen, welke ieder volgens zijn staat past.

^ 2. Zij moeten zich met de meeste omzichtigheid verwijderd houden van

ocr page 40

40

gevaarlijke dansgezelschappen en tooneel-voorstellingen, alsmede van alle slemperij.

^ 3, In spijs en drank moeien zij matig zijn, en niet aan of van tafel gaan, zonder godvruchtig God te hebben aangeroepen en gedankt.

^ 4. Daags vóór het feest van Maria's Onbevlekte Ontvangenis en van onzen H. Vader Franciscus moeten allen vasten ; zeer lofwaardig zijn zij, die bovendien des Vrijdags vasten en des Woensdags zich van vleesch onthouden, overeenkomstig de oude gewoonte der Tertiarissen.

§ 5. Elke maand moeten zij biechten en tot de H. Tafel naderen.

tÜ'

§ 6. Daar de geestelijken van de Derde Orde dagelijks hunne getijden bidden, hebben zij met betrekking tot dit punt geene verdere verplichtingen. (1) De leeken, die de kerkelijke getijden of het Klein Officie van Onze Lieve Vroiau

L^_

(1) Op de vraag van een der Generale Oversten van de Franciscanen, of het aan de priesters en kerkelijken van de Derde Orde nog altijd toegestaan is, het Franciscaner Brevier te bidden, heeft Z. M. Leo XIII in eene bijzondere audiëntie van den 7» Juli 1883 een bevestigend antwoord gegeven.

ocr page 41

41

niet lezen, moeten eiken dag twaalfmaal het Onze Vader, Wees gegroet en Eere .-jij den Vader bidden, uitgenomen wanneet-zij door ziekte verhinderd zijn.

^ 7. Degenen, aan welke de wetten het toelaten, moeten intijds bij testament over hunne bezittingen beschikken.

§ 8. In het huiselijk leven moeten zij zich beijveren, anderen een goed voorbeeld te geven en de oefeningen van godsvrucht en de goede werken te bevorderen. Boeken en nieuwsbladen, waaruit gevaar voor de deugd te vreezen is, mogen zij in hunne huizen niet toelaten, noch dulden, dat ze gelezen worden door hunne onderdanen.

§ 9. Niet alleen onderling, maar ook ten opzichte van anderen moeten zij zorgvuldig eene welwillende liefde in acht nemen. Overal waar zij kunnen, zullen zij oneenigheden trachten bij te leggen.

§ 10. Nooit mogen zij zonder ware noodzakelijkheid een eed doen. Onzuivere taal, onbetamelijke spotternij en bijtende scherts moeten zij vermijden. Des avonds doen zij onderzoek, of zij soms eenigen

ocr page 42

42

misslag hubbcn begaan ; bevinden zij zich schuldig, dan moeten zij een berouw verwekken en den misslag verbeteren.

^ li. Die gevoeglijk kunnen, moeten dagelijks de H. Mis bijwonen. Ook moeten zij in de maandelijksche vergaderingen, die door den Overste worden aangekondigd, te zamen komen.

^ 12. Zij zullen, ieder volgens zijn vermogen, een weinig bijdragen tot een genieenschappelijken inleg, om de minder gegoede medeleden, vooral wanneer die ziek zijn, te ondersteunen of om den luister van den godsdienst te bevorderen.

^ 13. Wanneer een medelid ziek is, moeten de Oversten zeiven hem bezoeken of een ander zenden, om hem de verschuldigde liefdediensten te bewijzen. Is de ziekte gevaarlijk, dan zullen zij den zieke waarschuwen en aansporen, om intijds te zorgen voor de belangen der ziel.

§ 14. Bij de begrafenis van een medelid zullen de Tertiarissen van de plaats en die daar tijdelijk verblijven bijeenkomen, en alsdan gezamenlijk tot zalige lafenis van den afgestorvene een derde gedeelte

ocr page 43

43

van den Rozenkrans bidden. Ook zullen de priesters in de 11. Mis, en de leeken door, indien zij kunnen, tot, de M. Tafel te naderen, voor hun overleden medebroeder den eeuwigen vrede godvruchtig en bereidvaardig afsmeeken.

DKRDE HOOFDSTUK.

Over de Bedieningen, de Visitatie en den Regel zelven.

§ i. De verschillende bedieningen worden begeven in tic vergaderingen der leden. Zij duren driejaren. Zonder wettige reden mag niemand de aangeboden bediening van de hand wijzen ; ook moet men zich daarvan niet op achtelooze wijze kwijten.

^2. De Visitator moet zorgvuldig onderzoeken, of de Regel goed wordt onderhouden. Te dien einde zal hij jaarlijks eenmaal, en, zoo noodig, meermalen ambtshalve de plaatsen bezoeken, waar vereenigingen zijn gevestigd en eene

ocr page 44

44

vergadering beleggen, waarbij hij het Bestuur en al de leden zal doen tegenwoordig zijn. Wanneer de Visitator door vermaning of bevel iemand tot zijn plicht terugroept, of eene heilzame straf oplegt, dan zal deze zulks met gewilligheid aannemen en niet weigeren de straf te ondergaan.

§ 3. De Visitators worden uit de Eerste of uit de reguliere Derde Orde der Franciscanen gekozen en aangesteld door de Gardiaans, indien aan deze zulks gevraagd wordt. Het ambt van Visitator mag aan geen leeken opgedragen worden.

§ 4. De leden die niet gehoorzamen en een kwaad voorbeeld geven, ontvangen tot twee- en driemaal toe eene aanmaning tot hun plicht ; onderwerpen zij zich niet, dan wordt hun gelast de Orde te verlaten.

§ 5. Indien iemand tegen de voorschriften van dezen Regel mocht misdoen, die moet weten, dat hij uit dien hoofde geene zonde bedrijft, mits de overtreding niet in strijd is met de wetten van God en de geboden der Kerk.

ocr page 45

45

§ 6. Indien iemand eenig voorschrift van dezen Regel om gewichtige en wettige reden niet zou kunnen onderhouden, dan kan hij in dat gedeelte gedispenseerd of hem daarvoor met omzichtigheid iets anders opgelegd worden. De gewone Overste der Franciscanen van de Eerste en Derde Orde, alsook de bovengenoemde Visitators hebben daartoe de volmacht,

ocr page 46

Lijst der Aflaten en VoomcMen.

K E R S T K H O O F ü S T U K.

Over de Volle Aflaten.

11c Tertiarissen van beiderlei geslacht kunnen, na gebiecht en gecommuniceerd te hebben, een vollen aflaat verdienen op de dagen en onder de voorwaarden, die hier volgen :

I. Op den dag der intrede ;

II. Op den dag der professie ;

III. Op den dag, dat zij de maande-lijksche vergadering of Conferentie bijwonen, mits zij eene kerk of openbare kapel godvruchtig bezoeken en volgens gewoonte bidden voor de noodwendigheden der H. Kerk ;

IV. Den 4„ October, feestdag van den li. Vader Franciscus; den 12quot; Augustus, feestdag der li. Moeder Clara van As-sisië; den 2a Augustus, feestdag der

ocr page 47

47

Kerkwijding van Maria der Engelen ; op den feestdag van den H. Patroon der kerk, waarin het genootschap der Tertiarissen is opgericht, mits zij die kerk bezoeken en aldaar volgens gewoonte bidden voor de noodwendigheden der II. Kerk;

V. Eens in de maand, op een dag naar verkiezing, mits zij eene kerk of openbare kapel godvruchtig bezoeken en daar eenigen tijd bidden volgens de intentie van Z. 11. den Paus ;

VI. Zoo dikwijls zij zich tot verbetering des levens in afzondering begeven, om acht opeenvolgende dagen de geestelijke oefeningen te houden ;

VIL In het uur des doods, indien zij den allerheiligsten naam van Jezus met den mond, of, zoo zij niet meer spreken kunnen, met het hart aanroepen. Hetzelfde voorrecht genieten ook diegenen, welke, niet in staat zijnde om te biechten en te communiceeren, een volmaakt berouw hebben over hunne zonden ;

VIII. Tweemaal in het jaar, diegenen, welke den Pauselijken Zegen ontvangen.

ocr page 48

48

indien zij eènigen tijd bidden volgens de intentie van Z. H. den Paus ; zoo ook onder deze zelfde voorwaarde diegenen, welke de zoogenaamde [Generale] Absolutie of zegen ontvangen op de hier volgende dagen : I. Op het feest der geboorte van Onzen Heer Jezus Christus;

2. op Paschen, het feest der Verrijzenis ;

3. op het Pinksterfeest ; 4. op feest van het allerheiligste Hart van Jezus ; 5. op het feest van de Onbevlekte Ontvangenis ; 6. den 19quot; Maart, feestdag van den H. Jozef, Bruidegom der H. Maagd ; 7. den 17quot; September, feestdag van de Indrukking der H. Wondteekenen van den H. Franciscus ; 8. den 25quot; Augustus, feestdag van den H. Lodewijk, koning van Frankrijk, den hemelschen Patroon der Tertiarissen ; 9. den 19quot; November, feestdag van de H. Elisabeth van Hongarije.

IX. Eveneens zij, die vijfmaal het Onze Vader, Wees gegroet en Eere zij den Vader bidden voor de noodwendigheden der H. Kerk, en éénmaal volgens de meening van Z. H. den Paus, kunnen eens in de

ocr page 49

49

maand dezelfde aflaten en kwijtscheldingen genieten, waaraan degenen deelachtig worden, die de Statie-gebeden te Rome houden, of die Portiuncula, de heilige plaatsen te Jeruzalem, en de kerk van den H. Apostel Jacobus te Compostella uit godsvrucht bezoeken.

X. Op die Statie-dagen, aangeduid in het Romeinsch Missaal, zal elke Tertiaris, welke de kerk of kapel van zijn eigen Genootschap bezoekt en daar volgens gewoonte godvruchtig bidt voor de noodwendigheden der H. Kerk, in die kerk of kapel op de genoemde dagen deelachtig worden aan dezelfde genaden en geestelijke voorrechten, welke de inwoners en vreemdelingen te Rome genieten.

TWEEDE HOOFDSTUK.

Over de Gedeeltelijke Aflaten.

I. Alle Tertiarissen van beiderlei geslacht, welke de kerk of kapel, waarin het Genootschap gevestigd is, bezoeken en aldaar bidden voor de noodwendigheden

4-

N. Handb. Derde Orde.

ocr page 50

5°

der H. Kerk, kunnen een aflaat van zeven jaren en zeven quadragenen verdienen, op de feestdagen van tie wonderdadige Indrukking der H. Wondtee-kenen van den H. Franeiscus, van den H. Lodewijk, koning van Frankrijk, van de H. Elisabeth, koningin van Portugal, van de H. Elisabeth van Hongarije en van de II. Margareta van Cortona, alsmede op twaalf andere dagen, naar ieders verkiezing, niet goedkeuring van den Overste der Congregatie.

II. Zoo dikwijls de Tertiarissen de II. Mis of andere Goddelijke diensten bijwonen, of bij de openbare en bijzondere vergaderingen der leden tegenwoordig zijn, gastvrijheid verleenen aan behoef-tigen, oneenigheden bijleggen of zorgen dat zij bijgelegd worden ; zoo dikwijls zij eene godsdienstige processie bijwonen, het allerheiligste Sacrament vergezellen, of, zoo zij het niet kunnen vergezellen, bij het teeken der klok een Onze Vader en Wees gegroet bidden ; zoo dikwerf zij vijfmaal het Onze Vader en Wees gegroet bidden voor de noodwendigheden der

ocr page 51

5i

H. Kerk of voor de zielen der afgestorven medeleden ; zoo dikwijls zij een doode ten grave vergezellen, een afgedwaalde op den rechten weg terugbrengen, iemand onderwijzen in de geboden Gods of in andere zaken, noodig ter zaligheid, of zoo dikwijls zij eenig ander dergelijk liefdewerk verrichten, kunnen zij ieder maal en voor elk van deze werken een aflaat verdienen van driehonderd dagen.

Al de bovengenoemde aflaten, zoowel volle als gedeeltelijke, kunnen de Tertiarissen naar verkiezing toevoegen aan de geloovige zielen in het vagevuur.

DERDE HOOFDSTUK.

Over de Voorrechten.

T. De priesters van de Derde Orde genieten persoonlijk, overal waar zij de 11. Mis lezen, op drie dagen van elke week het voorrecht van het altare pri-vilegiatuni, mits zij hetzelfde voorrecht niet reeds voor een anderen dag verkregen hebben.

ocr page 52

52

II. Wanneer dezelfde priesters de H. Mis lezen tot lafenis der zielen van de afgestorven Tertiarissen, zal elk altaar voor hen altijd en overal geprivilegieerd zijn.

En het is Onze wil, dat deze dingen in het algemeen en in het bijzonder, zooals zij hierboven zijn verordend, ten eeuwige dage vast, onveranderd en bekrachtigd blijven, niettegenstaande alle Constituties, Apostolische Brieven, Statuten, gewoonten, voorrechten en andere Regelen zoowel van Ons als van de Apostolische Kanselarij, en ondanks alles, wat daarmede in strijd is. Het is derhalve aan niemand der menschen geoorloofd, deze Onze Brieven op eenige wijze of in eenig deel krachteloos te maken. Mocht echter iemand iets dergelijks daartegen durven ondernemen, die moet weten, dat hij de gramschap van den almachtigen God en van Zijne heilige Apostelen Petrus en Paulus.zal inloopen.

Gegeven te Rome bij Sint-Pieter, in het jaar van de Menschwording des Heeren 1883,

ocr page 53

S3

den 30quot; Mei, het zesde jaar van Ons Op-perpriesterschap.

C. Kard. SACCON1 Pro-Datarius. Th. Kard. MKRTEL.

Gezien.

Van de Curie JOS. DELL'AQUILA

Burggraaf.

Plaats van het zegel.

Geregistreerd in de Secretarie van de Breven,

J. CUGNONIUS.

ocr page 54

VV E Z E N,

XjeicfLing- en IrLricHting-

VAN DE Wereldlijke Derde Orde.

e Derde Orde van onzen Serafijn-

schcn Vader Franciscus, de eerste instelling van dien aard, welke de H. Kerk onder de werking des H, Geestes uit haren vruchtbaren schoot zag geboren worden, nam haar begin in het jaar 1221. Haar doel is de instandhouding en verlevendiging der christelijke deugd te midden der wereld. Zij laat een ieder in dien stand, in dat ambt, in die bediening, waarin zij hem vindt, en, terwijl zij alle eischen daarvan eerbiedigt, alle plichten heiligt, tracht zij hem op te voeren tot die volmaaktheid, tnt welke de christen geroepen is.

ocr page 55

55

De Derde Orde moet dus niet op ééne lijn gesteld worden met een eenvoudig broederschap, welks hoofddoel is de verspreiding en bevordering eener bijzondere devotie en waarin aan alles voldaan is, wanneer eenige voorgeschreven gebeden of andere godsdienstige oefeningen verricht zijn. Zij is eene instelling welke het geheele leven van den christen regelt naar de volmaakte wetten van het Evangelie, en alzoo in den waren zin des woords eene geeste-lijke orde, d. w. z. een door het hoogste gezag in de Kerk goedgekeurde en den geloovigen aanbevolen leefregel, geschikt ter bereiking der christelijke volmaaktheid.

„Wij beslissen en verklarenquot; — aldus spreekt paus Benedictus XIII in de constitutie Paterna — „dat de Derde Orde „altijd heilig, verdienstelijk en met de „christelijke volmaaktheid in overeenstemming is geweest en nog is, en daarenboven, dat zij in waarheid en in den „vollen zin des woords eene orde is, die „in hare eenheid over de geheele aarde „uit wereldlijken, uit anderen die in genootschappen leven, en uit regulieren

ocr page 56

56

„gemeenschappelijk bestaat en van elk

„ander broederschap......geheel en al

„onderscheiden is, aangezien zij haar „eigen door den H. Stoel goedgekeurden „regel heeft, zoowel als haar noviciaat, „hare professie en haar habijt van behaalde stof en vormquot;. (2)

De wereldlijke Derde Orde vormt dienvolgens in de Kerk Gods eene soort van middelstaat tusschen de kloosterlingen en de gewone geloovigen. Vandaar dan ook, dat de genoemde paus Benedictus XIII in de constitutie Ad nostram andicntiam aan de Derde Orde den voorrang boven alle andere leekenbroeder-schappen heeft toegekend, welke bepaling

(2) Deze verklaring is in geenen deele buiten werking gesteld door de constitutie Misericors, zooals paus Leo XIII zelf bevestigde in de audiëntie den 7«« Juli 1883 verleend aan de generale oversten der Franciscaanscbe Orden. „Eenigen hebben gemeendquot; — aldus zijne Heiligheid — „dat door de constitutie „Misericors de Derde Orde tot een eenvoudig broeder-„schap is teruggebracht. Dit is echter niet Onze „bedoeling; maar, zooals Wij verklaarden [in diezelfde „constitutie] de aard en het wezen dezer instelling „blijven, zij is niet een eenvoudig broederschap, maar „blijft eene ware orde.quot; Vide Directorium pag. 38 et 39.

ocr page 57

57

de H. Stoel steeds tot den laatsten tijd toe heeft bevestigd en gehandhaafd, (i)

Volgens den oorspronkelijken Regel staat de Derde Orde onder de leiding van eigen ministers of oversten, door en uit de Orde zelve gekozen, welke, onder toezicht van een priester uit eene religieuze orde als visitator, de afzonderlijke congregatiën besturen. Overeenkomstig hare instelling is zij derhalve eene op zich zelve staande geestelijke vereeniging, geheel onafhankelijk van de Eerste Orde, met welke zij alleen door een zekere aanverwantschap van oorsprong en geest verbonden is.

In lateren tijd echter, en meer bepaaldelijk in de vijftiende eeuw, stelde de H. Stoel de wereldlijke Derde Orde uitsluitend onder de leiding van de Eerste Orde en bepaalde, dat dezer oversten rechtens ook de bestuurders van de Derde Orde zouden wezen. Wel is waar had

(i) Cfr. Directorum Cap. V, Art. I, II et III, (pag. 43 et seqq.)

ocr page 58

58

Innocentius IV reeds omstreeks het midden der dertiende eeuw twee breven uitgevaardigd, krachtens welke hij de Tertiarissen van Italië, Sicilië en Lombardije op hun verzoek onderwierp aan de leiding van de oversten der Eerste Orde ; doch eerst in 1426 stelde de H. Stoel alle Tertiarissen onder het bestuur der Eerste Orde, doordien Martinus V deze breven tot de geheele wereld uitstrekte door zijne bul Licet inter cactcra. In 1471 vernieuwde Sixtus IV gemelde Apostolische beschikking door de bul Romani Pont ijlcis providentia en verleende daarin aan de generale, provinciale en andere oversten der Eerste Orde uitdrukkelijk de volle macht, om voor altijd de Derde Orde te besturen, aan allen verbiedende hun dit recht te betwisten. Verscheiden andere opvolgende pausen bevestigden genoemde oversten in hunne macht en rechten ten opzichte van de Derde Orde, en inzonderheid Benedictus XIII dooi de bul Paterna van den 10quot; December 1725.

In deze bul, welke, in zoover zij de leiding der wereldlijke Derde Oide

ocr page 59

59

betreft, door geen der opvolgende pausen in eenig punt is teruggeroepen of gewijzigd, (i) bevestigt en vernieuwt Zijne Heiligheid, „uit eigen beweging krachtens de volheid der Apostolische macht, alle Apostolische brieven, bij welke aan den Minister-Generaal en andere ondergeschikte oversten van de Orde der Minderbroeders eenigen voorrang, eenige meerderheid en eenig gezag wordt toegekend over de broeders en zusters dier instelling [van de Derde Orde]quot;. Vervolgens verklaart Zijne Heiligheid in de uitdrukkelijkste en duidelijkste bewoordingen, waarin die voorrang, die meerderheid en dat gezag van de oversten der Franciscanerorde over de leden van de Derde Orde bestaat: hij gebiedt namelijk aan alle leden van de Derde Orde over de geheele wereld, dat, evenals zij met de Kerste en Tweede Orde, der Minderbroeders namelijk en Clarissen, een en denzelfden insteller hebben, zij ook den wettigen opvolger van dien

(i) Cfr. Directorium p. 3S in nota.

ocr page 60

6o

insteller als vader en hoofd der geheele Serafijnsche kudde en als Generaal dei-drie Orden van den H. Franciscus moeten eeren en erkennen en de aan hem ondergeschikte oversten, hetzij provinciaals of gardiaans, alsmede de aangestelde visitators als hunne wettige en ware oversten moeten eerbiedigen, zoodat zij zich in twijfels en geschilpunten aangaande den Regel en de Statuten aan hunne beslissing onderwerpen en in alles wat de Orde betreft en niet in strijd is met den Regel aan hen gehoorzamen; daarbij bepalende, dat, indien zij anders handelen, zij door die zelfde oversten uit de Orde kunnen verwijderd worden en daardoor het recht verliezen op de gunsten en voorrechten, aan de Tertiarissen verleend; hij kent aan denzelfden Minister-Generaal het recht toe en maakt het hem ten plicht, om over de geheele wereld congregaties van de wereldlijke Derde Orde op te richten en deze te besturen volgens de statuten, goedgekeurd door Paulus III of volgens die, welke zijn bevestigd door de pausen Innocentius XI, XII en XIII, en geeft

ocr page 61

hem tevens de bevoegdheid, om met de leden van het generaal kapittel datgene te vernieuwen, te veranderen, te vermeerderen, te verminderen en overigens vast tc stellen wat tot welzijn der Orde kan verstrekken, mits die bepalingen niet strijdig zijn aan de kerkelijke wetten ; hij verleent aan denzelfden Minister-Generaal de macht, om door de hem ondergeschikte oversten nieuwelingen in de Orde op te nemen, visitators en directeurs aan te stellen, in de afzonderlijke congregaties visitatie te houden, en te veranderen, te verbeteren en te bestraffen, zooals hij dit heilzaam zal oordcelen. Eindelijk verklaart Zijne Heiligheid ongeldig en van geener waarde alles wat aangaande de Derde Orde buiten den wil der gezegde oversten der Franciscanerorde wordt veranderd of vastgesteld.

Overeenkomstig met deze constitutie heeft dan ook de H. Congregatie der Aflaten den 31quot; Januari 1893 ad III beslist, dat de congregaties der Tertiarissen onder de leiding der oversten van de Franciscanerorde staan in alles wat de

ocr page 62

62

tucht en het inwendig bestuur betreft, doch overigens aan het toezicht en de visitatie van den bisschop der respectieve diocese onderworpen zijn. (i)

Onder de benaming van Franciscanerorde, aan welker oversten de leiding der wereldlijke Derde Orde door den H. Stoel is toegekend, moeten gelijkelijk verstaan worden de Minderbroeders, de Conven-tueelen en de Kapucijnen, zoodat, wat de leiding der wereldlijke Derde Orde betreft, onder de oversten dezer onderscheiden Franciscaansche familien geen verschil van macht of rechten bestaat. (2) Ook aan de oversten der reguliere Derde Orde zijn dezelfde macht en rechten door den 11. Stoel verleend. (3) Deze onderscheiden Franciscaansche familien zijn in de leiding der onderhoorige Tertiarissen van elkander geheel onafhankelijk.

(1) Cfr. Dlreclorinm tin. 93 cl 94.

(2) Cfr. Beiied. XIV Const. Landabile.

(3) Cfr. Bordoni Resol. 75 de Tcrliariis; id., Chronolosium Tertii Ordinis Cap. XII.

ocr page 63

63

De leiding der Orde met de daaraan verbonden macht en rechten, toekomend aan de ondergeschikte oversten, provinciaals en gardiaans, is beperkt binnen de grenzen respectievelijk van hun provincie of district.

Hierbij zij opgemerkt, dat het niets afdoet aan het wezen der zaak, van welke dc Franciskaner Orden de Tertiarissen afhankelijk zijn ; de Derde Orde, hetzij onder de leiding van Minderbroeders, hetzij van Conventueelen, hetzij van Kapucijnen, is overal een en dezelfde Derde Orde. Alle Tertiarissen, zonder onderscheid, zijn dan ook deelachtig aan dezelfde aflaten en voorrechten ; zij maken allen deel uit van dezelfde Orde ; zij zijn kinderen van een en derizelfden Vader en dus allen in een geestelijken, maar niet minder waren zin broeders en zusters. Mogen dan ook allen, door den hechten band der onderlinge liefde vereenigd, als eene vast aaneengesloten legerschaar, strijdende onder de banier van den verheven Arme van Assisic, door hun machtig voorbeeld van een waar christelijken

ocr page 64
ocr page 65

64

levenswandel volgens de voorschriften van den Regel medewerken tot de verbreiding van Jezus rijk op aarde, opdat de grootsche verwachting, welke onze H. Vader Leo XIII tot eer van Kerken maatschappij en tot zaligheid der zielen van de Derde Orde koestert, ten volle verwezenlijkt worde.

Wat de inrichting der wereldlijke Derde Orde aangaat heeft de H. Insteller zich niet tevreden gesteld met de wijden band van het lidmaatschap der Orde ; hij verlangt in den Regel tusschen hare leden den meer nauwen band der plaatselijke vereeniging, waaraan de naam van congregatie gegeven wordt. Deze afzonderlijke congregaties met de leiding en het toezicht van een plaatselijken directeur en een plaatselijk bestuur zijn, zooals van zelf in het oog springt, van het grootste belang zoo voor den bloei der Orde in 't algemeen, als tot krachtdadige bevordering van haar heilig doel in de leden

ocr page 66

65

afzonderlijk en tot verkrijging harer heilzame vruchten voor Kerk en maatschappij.

De oprichting der congregaties komt rechtens en ambtshalve uitsluitend toe aan de oversten der Franciscaansche Eerste en reguliere Derde Orde, (i) nochthans niet, zelfs in de eigen kerken der Orde, zonder voorafgaande toestem, ming van den bisschop der diocese. (2) Alhoewel niet volstrekt noodzakelijk, is het echter raadzaam deze toestemming schriftelijk te geven, opdat het getuigenis daarvan met de oorkonde der oprichting kunne bewaard worden, en daardoor latere twijfel aangaande de wettelijkheid der oprichting worde voorkomen.

Het is ook geoorloofd in een en dezelfde

(1) Ook wordt door de generale oversten der Franciscaansche Orden, op aanvrage, aan de bisschoppen machtiging verleend congregaties op te richten en directeurs te benoemen.

(2) Deer. S. Congr. Indulg. d. d. 31 Januari! 1893 ad II; cfr. Directorium nn. 91 et 92, waar geleerd wordt, dat de oprichting zonder die toestemming geldig is, alhoewel de verpicliting niet ophoudt om later die toestemming te vragen.

5-

N. Handb. Derde Orde.

ocr page 67

66

plaats meer dan ééne congregatie op te richten ; de daaraan tegenstrijdig schijnende bepaling der constitutie Quaecumque van Clemens VIII is hier niet van toepassing, (i) De oprichting geschiede volgens het voorschrift van het Ceremoniëel, Artikel VI.

Tot slot dezer beknopte verhandeling over de Orde in 't algemeen de betee-kenisvolle lofspraak van den beroemden aartsbisschop van Florence, Mgr. Cec-coni ; „Vele godvruchtige vereenigingen „te zamen zullen aan de maatschappij „niet dat goede kunnen opleveren, het-„welk de Derde Orde van den H. Fran-„ciscus zoo rijkelijk voortbrengt, terwijl „deze bewonderenswaardige instelling alle „andere steeds zal kunnen vervangen, door-„dat zij de afzonderlijke personen en de „maatschappij terugbrengt en staande „houdt op den rechten weg, welke alleen „ten heile voertquot;.

(i) Deer. S. Congr. Indulg. d. d. 31 Januarii 1893 ad I.

ocr page 68

REGEL,

olgens de getuigenissen van de-

Statuten en Vefordeningen

VAN DE

iBcvdbïpc ^cvbc vl^rtic.

c

oudste levensbeschrijvers van den H. Vader Franciscus valt het niet te-betwijfelen, dat de Heilige bij de instelling der Derde Orde aan hare leden,, onder mondelijke goedkeuring van den: H. Stoel, een bepaalden leefregel ter onderhouding heeft voorgeschreven, en wel denzelfden, welken paus Nicolaus IV in 1289 opnieuw en plechtig heeft goedgekeurd door de bulle Supra montem, behoudens eenige kleine wijzigingen, door den Paus daaarin aangebracht. Deze Regel was steeds en is ook nog de grondwet der Derde Orde; thans moet

ocr page 69

68

hij onderhouden worden volgens den gewijzigden vorm, door paus Leo XIII goedgekeurd in de constitutie Misevicors van 30 Mei 1883.

ïfv

Wij geven hier in eene verklarende omschrijving de voorschriften van den Regel, zooals deze door paus Leo XIII is gewijzigd, met de daarop betrekkelijke bepalingen der Statuten van Innocentius XI (l), voor zoover deze niet in strijd zijn met de wijzigingen van Leo XIII of minder overeenkomstig met de tegenwoordige tijden en zeden, en de bijzondere verordeningen van onzen Hoogeerw. P. Provinciaal voor de Tertiarissen, die aan zijne geestelijke macht onderworpen zijn.

^i) Deze Statuten bevatten de verordeningen, welke in het jaar 1688 door het generale kapittel der Eerste Orde, te Rome gehouden, aan den oor-spronkelijken Regel werden toegevoegd en ter onderhouding voorgeschreven; zij worden Statuten van Innocentius XI genoemd, omdat deze paus ze goedkeurde.

ocr page 70

69

EERSTE HOOFDSTUK. Over de Aanneming, den Proeftijd en de Professie.

i. De macht om nieuwelingen in de Derde Orde aan te nemen, hun het kleed der Orde te geven en hunne professie af te nemen berust ambsthalve uitsluitend bij den oversten der verschillende familiën (Minderbroeders, Conventuëelen, Kapucijnen) der Eerste Orde van den H. Vader Franciscus, alsmede bij de oversten der paters van de reguliere Derde Orde, te weten : bij de generaals, zonder onderscheid van plaats, bij de provinciaals, in hunne provincie, en bij de plaatselijke oversten, binnen de grenzen van hun district. 1)

De macht om in de Orde op te nemen kan ook door de gezegde oversten worden medegedeeld aan andere priesters, en dit niet alleen aan hunne onderhoorigen, maar

1

Cfr. Martinus v Bulla Licet inter caetera ; Sixtus iv Bulla Romani Pontificis providentia; Benedictus XIII Const. Paterna, Const. Ratio Apostolici muneris ; Clemens XIII Breve Apostolicae servitutis officium ; Benedictus XIV Breve Laudabile.

ocr page 71

7°

ook aan priesters buiten de Orde, zoowel wereldlijke als religieuze. Dusdanige machtiging, verleend door de provinciaals of gardiaans, kan echter niet geldig worden uitgeoefend buiten de grenzen respectievelijk van hunne provincie of district. Daarenboven wordt, op aanvrage, dooide generaals aan de bisschoppen machtiging verleend, om hunne onderhoorige priesters tot de opneming van nieuwelingen te delegeeren, doch slechts voor de respectieve parochie, i) Het is voegzaam, doch geen volstrekt vereischte, dat deze priesters zeiven leden van de Derde Orde zijn. Hierbij zij opgemerkt, dat, volgens de verklaring van de H. Congregatie der Aflaten van 30 Januari 1896 ad IV, wie bovengezegde macht om nieuwelingen aan te nemen enz. ontvangen heeft (middellijk of onmiddellijk) van een overste van een tak der Franciscancrorde, b. v. der Minderbroeders, krachtens die macht alleen geen nieuwelingen kan aannemen

1) Deze beperking is volgens ons oordeel, plaatselijk en niet persoonlijk, zoodat de verleende delegatie geldig kan worden uitgeoefend in de parochie ten opzichte van 7«V^-parochianen.

ocr page 72

7i

in cenc congregatie, staande onder de leiding van een anderen tak dier Orde, b. v. der Capucijnen. (i)

2. De voorwaarden tot aanneming, door den Regel gevorderd, zijn :

a. De volle ouderdom van veertien jaren, opdat namelijk de intrede geschiede met rijp beraad en genoegzame kennis

-|l van hetgeen men doet. Het doel dezer

voorwaarde vordert derhalve in den postulant eene zekere algemeene kennis van het wezen, den geest en de strekking der Orde, en tevens den ernstigen wil zijn gedrag en levenswijze in te richten naar de voorschriften van den Regel. *)

De inkleeding van den nieuweling vóór het ingetreden vijftiende levensjaar moet als ongeldig beschouwd worden.

b. Een ongeschonden goeden naam, het getrouwe waarnemen van die godsdienstplichten, zonder welke men den naam van christen onwaardig is, zooals daar zijn : de vervulling van den paasch-plicht, de onderhouding der kerkelijke vas-ten- en onthoudingsdagen, de heiliging

(i) Cfr. Directorium p. 72 n. 65.

(♦) Regel, Hoofdst. I, § I.

ocr page 73

72

der Zon- en -feestdagen enz. ; een vredelievend karakter, dat zich bezorgd toont, om, voor zoover mogelijk, met allen steeds in liefde en eendracht te leven en de gestoorde liefde, den verbroken vrede naar vermogen te herstellen. 1)

c. Vooral rechtzinnigheid des geloofs, welke bestaat in eene volle en onvoorwaardelijke onderwerping van het verstand aan alles, wat het leerend gezag der Kerk in zaken van geloofs- en zedenleer als waarheid voorhoudt, gepaard met een kinderlijken eerbied voor, en eene onver-breekbarc verknochtheid en bereidwillige en volledige gehoorzaamheid aan de Kerk van Rome en haar Opperhoofd den Paus, en aan al diegenen, wien tot heil der zielen geestelijk gezag in de Kerk is toevertrouwd, zooals daar zijn de bisschoppen en de herders der afzonderlijke parochiën. Deze gehoorzaamheid aan het kerkelijk gezag en die rechtzinnigheid des geloofs moeten in den postulant vergezeld gaan van eene voorzichtige vrijmoedigheid, zoodat hij niet schroomt, niet alleen

1

Regel, Hoofdst. I, § I.

ocr page 74

73

in het bijzonder cn huiselijk, maar ook in het openbaar leven, niet verachting van lage spotternij en dwaze menschen-vrees, moedig voor zijne katholieke overtuiging uit te komen cn zich een gehoorzaam kind der Kerk cn trouwen aanhanger van haar zichtbaar Opperhoofd, hare bisschoppen cn priesters te tooncn. 1) d. Toestemming van den man bij de aanneming eener gehuwde vrouw, en wel over 't algemeen eene uitdrukkelijke en stellige toestemming, zoodat de vrouw van haar voornemen kennis moet geven aan haren man cn zijne toestemming bekomen ; alleen bijzondere omstandigheden kunnen eene redelijk veronderstelde toestemming voldoende maken. Deze 1 toestemming wordt echter niet vereischt, voor 't geval dat de man, volgens het oordeel van den biechtvader, onredelijk zou handelen met zich te verzetten, mits in dat geval door de noodzakelijke instandhouding van den huiselijken vrede de onderhouding van den Regel, bijzonder

1

Regel, Hoofdst. I, § i.

ocr page 75

--TT'

74

in zijne voornaamste voorschriften, niet worde verhinderd. (1)

De toestemming der ouders bij de aanneming der kinderen, zelfs wanneer dezen nog in 't ouderlijk huis verblijven, wordt niet vereischt ; evenwel wanneer de tegenzin der ouders voor de kinderen

een beletsel zoude wezen, om een of ander gewichtig voorschrift van den Regel te onderhouden, is het voor den bloei der Orde wenschelijker, dat zij, ten minste niet in eene congregatie, worden opgenomen.

e. Volgens de Statuten van Innocentius XI wordt nog vereischt, dat de postulant in zijn eigen levensonderhoud kunne voorzien, om namelijk allen schijn te vermijden, dat iemand het kleed der Orde zoude aannemen op hoop van geldelijke ondersteuning, (f) Deze voorwaarde moet echter, naar het algemeen gevoelen der uitleggers, in dien zin verstaan worden, dat alleen zij niet kunnen worden aangenomen, die van aalmoezen leven, zonder

;!Â¥

uitsluiting van diegenen, welke, alhoewel

1

Regel, Hoofdst. I, § (f) Statuut, ad Cap. /.

ocr page 76

75

onbemiddeld, evenwel van hun eerlijken arbeid of bediening bestaan. Daarbij wordt deze voorwaarde vcreischt alleen tot aanneming in eene congregatie, zoodat zij, die buiten eene congregatie den Regel willen aanvaarden, ook zonder vervulling dezer voorwaarde tot de professie kunnen worden toegelaten.

3. De aanneming van nieuwelingen in eene canoniek opgerichte congregatie geschiede naar de volgende regels: (§)

a. De beslissing omtrent de aanneming van postulanten is uitsluitend voorbehouden aan den directeur, als onmiddellijk hoofd en bestuurder der congregatie ; hem alleen komt dan ook het beslissend oordeel toe over het al of niet aanwezig-zijn der vereischte voorwaarden.

b. De directeur zal echter, alvorens tot de inkleeding van nieuwelingen over te gaan en voor dat hunne namen aan de congregatie bekend gemaakt worden, deze in eene afzonderlijke bestuursvergadering medcdeelen, om het gevoelen der overige bestuursleden te hooren en

(§) Verordening.

ocr page 77

76

hunnen raad in te winnen. Dezen hebben dan ook liet volle recht huune bezwaren, indien zij er mochten hebben, met gepaste voorzichtigheid in te brengen, doch aan den directeur alleen komt het toe de waarde er van te bcoordeelen. Het is niet noodig eene stemming te houden. — Ook staat het den directeur vrij, zonder kennisgeving aan de overige bestuursleden, vóór de inkleeding de nieuwelingen tot de alge-meene vergaderingen toe te laten.

c. In de algemeene vergadering der leden, welke de inkleeding onmiddellijk voorafgaat, maakt de directeur met den dag der inkleeding de namen der postulanten bekend.

NB. De bepalingen onder ^ en ^ blijven buiten werking bij de aanneming van de geestelijke personen of priesters.

Diegenen, welke reeds vroeger professie van den Regel hebben afgelegd, kunnen, bij de overlegging van een bewijs, in de congregatie worden opgenomen door den directeur alleen, met kennisgeving nochtans aan de bestuursleden. (§)

(§) Verordening.

ocr page 78

77

Afzonderlijke Tertiarissen, die namelijk tot de Orde willen toetreden zonder te behooren tot eene congregatie, kunnen worden aangenomen door ieder gevolmachtigden priester, wien dan ook alleen het oordeel aangaande de geschiktheid van den postulant toekomt. De aanneming van afzonderlijke Tertiarissen, alhoewel in geen geval ongeldig, (i) is nochtans tegen den geest van den Regel, wanneer iemand zonder gegronde reden weigert zich aan te sluiten bij een congregatie; dewijl de staat van afzonderlijke Tertiarissen niet geheel en al strookt met de inzichten van den Regel en dientengevolge altijd eenigszins afwijkend moet genoemd worden. Het is daarom raadzaam, dat zij, die in plaatsen wonen, waar geen congregatie bestaat, lid worden van eene congregatie in een dichtbij gelegen plaats.

4. De inkleeding —■ waardoor de postulant in de Orde voorwaardelijk wordt opgenomen —- moet geschieden door een

(I) cfr. Declaratio S. Congr. ludulg. d. d. 14 Julii 1891. Directorium p. 72. n. 66.

ocr page 79

78

overste der Franciscaansche Orden of een ander priester hiertoe wettig gemachtigd (i) en op de wijze, voorgeschreven in Artikel II van het Ceremonieel.

De inkleeding van postulanten, welke in eene congregatie zijn aangenomen, moet zonder groote reden niet afzonderlijk plaats hebben, maar in eene algemeene vergadering der leden. (*) Het houden dier plechtigheid komt uitteraard uitsluitend toe aan den directeur, zonder wiens uitdrukkelijke toestemming het kleed dei-Orde aan een postulant zijner respectieve congregatie niet moet worden gegeven door een ander gevolmachtigden priester.

Aan hen, die buiten eene congregatie tot de Orde willen toetreden, wordt het kleed afzonderlijk gegeven.

Buiten geval van ziekte of van eene andere zeer dringende reden geschiede de inkleeding nimmer in een afzonderlijk-huis. (f)

Alhoewel de inkleeding geldig geschiedt met een en hetzelfde gezegend scapulier

(i) Vgl. boven n. i.

(*) Ceremonieel, Artikel II.

(f) Statuut, ad Cap. /.

ocr page 80

79

en koord voor meer personen, (mits in dit geval het eerste scapulier en koord, hetwelk de ingekleede voor zich neemt, op de voorgeschreven wijze gezegend is) ofwel met ccn scapulier en koord, dat te voren gezegend is of ook gezegend is door een ander dan door hem die inkleedt, zoo worde nochtans, als meer overeenkomstig met den aard der zaak, zooveel mogelijk gezorgd, vooral bij eene openbare inkleeding, dat ieder zijn eigen scapulier en koord hebbe, de zegening ervan vereenigd zij met de plechtigheid der inkleeding zelve en geschiede door hem die inkleedt.

Alleen het eerste scapulier en koord moeten noodzakelijk gezegend zijn; voor de volgende is dit niet meer noodig.

5. Het tegenwoordig kleed der Orde, door het gebruik in het vervolg der tijden ingevoerd en door Paus Leo XIII uitdrukkelijk gewettigd, is het klein scapulier met koord, welk scapulier bestaat uit twee lapjes, aan elkander verbonden door twee banden. Het dragen van het scapulier met koord wordt volstrekt vereischt, om

ocr page 81

8o

aan de verleende aflaten en voorrechten deelachtig te zijn, zoodat de Tertiaris, die ze met gewoonlijk draagt, de verleende aflaten niet verdienen, noch de voorrechten genieten kan. Het afleggen ervan voor een enkelen keer en korten tijd heeft het verlies der aflaten en andere voorrechten niet ten gevolge. (1)

De lapjes van het scapulier moeten zijn van wol of laken, eene andere stof voldoet niet aan het voorschrift van den Regel. Ter wille der gelijkvormigheid zij de kleur van het laken grauwzwart of donkergrijs, de grootte der lapjes ongeveer één decimeter vierkant, (i) de lapjes worden aan elkander verbonden

1

Kegel, Hoofdst. I, § 3.

(i) De H. Congregatie der Aflaten heeft, bij een antwoord van 30 April 1885 een scapulier van de grootte der gewone scapuliers voldoende verklaard. Bij een later antwoord van 10 Juni 1886 ad II schrijft dezelfde H. Congregatie voor, dan m de afmeting van het scapulier het gebruik moet worden onderhouden. Met de Annali Francescani zouden wij daarom niet durven goedkeuren, dat een scapulier van de grootte der gewone scapuliers onder de Tertiarissen ingevoerd werd, waar onder hen zulk scapulier niet in zwang is.

ocr page 82

8i

door twee banden van de genoemde stof en kleur, welke omstreeks twee centimeter breed zijn. Tot meerdere gelijkheid met het groote scapulier is het voegzaam, dat de lapjes van de beiden zijden der schouders zóó laag afhangen, dat zij door het koord kunnen omgord of vastgehouden worden ; te dien einde kan op de lapjes een lisje worden bevestigd, om het koord er door te steken. Dit koord, dat den vorm moet hebben van een touivtje, niet van een band of lint, worde vervaardigd van wol of hennip ter dikte van zakband. In het afhangende gedeelte (hetgeen niet lang behoeft te zijn) worden volgens gebruik drie knoopjes gelegd. (§)

6. Na de intrede volgt onmiddellijk een jaar van proeftijd, gewoonlijk noviciaat genaamd. (1) Zonder voorafgaand noviciaat is de professie ongeldig, (i)

1

Regel, Hoofdst. I, § 4.

(1) Bij een rescript van 30 Maart 1897 heeft de H. Congregatie der Aflaten geldig verklaard (per sanationem) de professie van hen, die bij gebrek van een vol jaar van noviciaat tot dan toe ongeldig waren geprofest.

N. Handb. Derde Orde. 6.

ocr page 83

82

Het noviciaat moet een vol jaar duren ; nimmer mag het (het geviiar van sterven uitgenomen), zelfs niet voor een gedeelte, worden verkort, (i)

Om het nut van het noviciaat te bevorderen, zal de directeur, indien hij het noodig oordeelt, eenige malen de nieuwelingen of novicen afzonderlijk doen vergaderen, om hun het doel der Orde, tien quot;•eest des Recfcls en den zin der voor-

O

naamste voorschriften nader te verklaren, en hun overigens datgene voor te houden, wat hem nuttig voorkomt of toeschijnt, om hen tot ware en ijverige Tertiarissen te vormen.

7. De professie in de Derde Orde is «iet slechts eene vernieuwde toewijding aan den dienst van God, maar eene belofte (promissio), vóór God plechtig uitgesproken, waarbij de Tertiaris wel geene nieuwe verplichting op zonde op zich neemt, maar zich jegens God op eene bijzondere wijze verbindt, om door de nauwgezette onderhouding van Gods

(i) Declaratio S. Congr. Indulg. d. d. 30Januari 1896. Cfr, Directorium p. 71 n. 64.

ocr page 84

geboden en van den Derden Regel van Franciscus de christelijke volmaaktheid te beoefenen, terwijl God door den mond van den gevolmachtigden priester den Tertiaris wederkeerig het eeuwig leven belooft, d. w. z. bijzondere genaden, welke hem in zijn heilig streven ondersteunen, opdat hij des te gemakkelijker zijn doel, namelijk het eeuwig leven, bereike.

De professie moet worden afgelegd na volbrachten proeftijd; evenmin dus als het geoorloofd is den nieuweling tot de professie toe te laten, vóórdat het wettige proefjaar, overeenkomstig de bepalingen van n. 6, vervuld is, evenmin mag, ten minste van den kant der Orde, na het einde van dien proeftijd de professie zonder reden worden uitgesteld, veel minder mag den nieuweling de professie worden geweigerd, mits hij voor de Orde geschikt worde bevonden. (1)

In gevaar van sterven kan de professie worden afgelegd vóór den wettig voleindigden proeftijd en wel bij eiken biechtvader, indien er niet gemakkelijk een

1

Regel, Moofdst. I, § 4.

ocr page 85

84

gevolmachtigde priester te vinden is ; deze vervroegde professie moet echter, in geval van herstel, op den vastgcstelden tijd worden herhaald. (1)

Het oordeel over de geschiktheid van den nieuweling berust bij den gevolmachtigden priester, die de professie afneemt. Bij de professie van hen, die tot eene congregatie behooren, komt het beslissend oordeel toe aan den directeur, onder voorwaarde nochtans, dat hij den raad inwinne der overige bestuursleden, welke hij te dien einde tot eene vergadering zal samenroepen. Daarenboven zal de directeur, eenigen tijd vóór die bestuursvergadering, in de maandelijksche vergadering den leden de naderende plechtigheid der professie aankondigen, opdat dezen hunne bezwaren tegen den eenen of anderen novice, zoo zij er mochten hebben, aan den directeur bekend maken. (§)

De plechtigheid der professie moet geschieden overeenkomstig de volgorde vastgesteld in Artikel III van het Cere-

1

Ceremonieel, Artikel III.

(§) Verordening.

ocr page 86

185

moniëel; de zin en bedoeling ervan eischen, dat het formulier der professie worde uitgesproken niet door allen te zamen of door éénen namens allen, maar door eiken novice afzonderlijk.

Zij, die leden eener congregatie zijn, moeten, bijzondere omstandigheden uitgezonderd, geprofest worden in eene ^ plechtige algemeene vergadering; (1) nie-

r j mand van hen worde geprofest door een ' anderen gevolmachtigden priester dan

e den directeur zonder diens toestemming.

i Zij, die niet tot eene congregatie be-

c hooren, worden afzonderlijk geprofest.

'■ Buiten geval van ziekte moet niemand,

dan wegens eene zeer dringende reden, geprofest worden in een afzonderlijk huis. (f) lt: 8. Na de plechtigheid der inkleeding

^ of professie worden de namen der nieu-

1gt; welingen of geprofesten in een register

ingeschreven. (*) Dit register kan zoo worden ingericht, dat in verschillende 'e kolommen met de namen der leden de

squot; woonplaats, dag en jaar van inkleeding,

1

Ceremoniëel, Artikel III.

(■f) Statuut, ad Caput II.

ocr page 87

86

professie en overlijden kunnen worden op-geteekend, en een volgende kolom open blijve voor mogelijke aanmerkingen. Deze inschrijving geldt voor de verklaring der afgelegde professie, voorgeschreven in het Ceremonieel der Orde. Dit register wordt bijgehouden door den directeur. Ook worde den leden na de professie een diploma of bewijsstuk der afgelegde professie uitgereikt, door den directeur onderteekend.

9. Eenige besluiten van de H. Con-eresratie der Aflaten ;

a) Wie de religieuze professie hebben afgelegd, hetzij voor een tijd hetzij voor altijd, in eene instelling of congregatie, door de kerkelijke overheid goedgekeurd, kunnen niet aangenomen worden in eene wereldlijke Derde Orde. (Deer. Veronen.se d.d. 16 Julii 1887; Deer. d.d. 31 Januarii 1893 ad VI). (1) De religieuzen, die vóór gezegd decretum Veronense leden waren van eene wereldlijke Derde Orde, hebben krachtens dat decreet hun

(i) Cfr. Directorium p. 105 nn. 95 et 96; p. 114 n. 100.

ocr page 88

8;

lidmaatschap verloren, en dienvolgens geen deel meer aan de verleende aflaten en voorrechten. (Deer. d.d. 31 Januarii 1893 ad IV). (1) Tertiarissen, die den religieuzen staat aanvaarden, blijven leden der Orde zoolang zij de religieuze professie nog niet hebben afgelegd, en kunnen dus gedurende het noviciaat de verleende aflaten verdienen. (Deer. d.d. 31 Januarii 1893 ad V). (2)

/;) Niemand kan te gelijk lid zijn van twee of meer Derde Orden. (Deer. d.d. 31 Januarii 1893 ad IX). (3) Hierbij valt op te merken dat, volgens het decreet van 21 Juni 1893, gezegde bepaling eene terugwerkende kracht heeft, zoodat wie vóór die bepaling tot twee of meer Derde Orden behoorde, daarvan nu niet meer te gelijk lid kan blijven, maar eene overeenkomstig zijne devotie moet uitkiezen. (4)

c) Over 't algemeen is het ongeoorloofd de eene Derde Orde, waarvan men professie heeft gedaan, te verlaten, om

(1) Cfr. Directorium p. 108 Sed quid dicendum.

(2) Cfr. Directorium p. 112 n. 99.

(3) Cfr. Direciorinni p. 116 n. 103.

(4) Cfr. Directorium p. 117 n. 104.

ocr page 89

88

tot eene andere dergelijke instelling toe te treden (Deer. d.d. 31 Januarii 1893 ad VIII); (1) de overgang echter van de eéne congregatie tot eene andere van eene zelfde Derde Orde, hetzij in dezelfde hetzij in eene verschillende plaats, kan wegens eene billijke reden geschieden. (Deer. d.d. 31 Januarii 1893 ad VII). (2)

TWEEDE HOOFDSTUK.

Over de Wijze van leven.

1. De hoofdzaak in de wijze van leven der Tertiarissen is, overeenkomstig het doel der Orde, de onderhouding der geboden Gods. Hieronder zijn echter niet alleen begrepen de tien geboden Gods, welke met dien naam in den catechismus worden aangeduid, maar ook de geboden der H. Kerk en de afzonderlijke plichten van eiken levensstaat, kortom alles, waartoe een christen gehouden is, opdat zijn leven in overeenstemming zij met het Evangelie, de grondwet van het chris-

(1) Cfr. Director him p. 115 n. 102.

(2) Cfr. Directorium p. 114 n. 101.

ocr page 90

tendom. Deze onderhouding maakt dan ook de kern uit der professie, welke in de Derde Orde wordt afgelegd. Het tweede punt in de professie, namelijk, de naleving van den Regel der Orde, is het middel door den Serafijnschen Vader aangewezen tot bereiking van het hoofddoel. Het toezicht en de leiding van de afzonderlijke directeurs en andere oversten der Orde, aan wie de Tertiaris zich krachtens de professie vrijwillig onderwerpt, strekt hem tot steun in zijn streven, om door de onderhouding van den Regel en van de geboden Gods de christelijke volmaaktheid te beoefenen. (1)

2. De Tertiarissen moeten in geheel hunne levenswijze vermijden weelde of verkwisting, overtollige en buitensporige uitgaven, d. w. z. uitgaven boven hun maatschap-pelijken stand of grooter dan hunne inkomsten of verdiensten toelaten. Alle uitgaven dus aan kleeding, woning, huisraad en verder levensonderhoud, of ook aan uitspanningen, vermaken en vertering, boven de eischen van iemands stand of

1

Formulier der professie.

ocr page 91

9°

boven den staat van zijn fortuin, moeten worden beschouwd als weelde, door den Regel aan de Tertiarissen verboden. —-Daarenboven moeten zij zich onthouden van overdreven en gezochten opschik,

en wel in geheel het uiterlijk leven, maar vooral in de kleed erdracht, waarbij de opschik zich vertoont in de kostbaarheid der kleeding en in de geldverslindende 3 ijdelheid van onnoodige en beuzelachtige sieraden. Veel meer nog moeten zij zich onthouden van eene wijze van kleeding, die strijdt met de voorschriften der christelijke welvoeglijkheid en ingetogenheid. — De Tertiarissen moeten in geheel hun uiterlijk leven en kleeding zich houden aan de rechtmatige eischen van hun maatschappelijken staat of stand, zóó nochtans, dat zij niet onvoorwaardelijk als rechtmatige eischen beschouwen en overnemen alles, wat door wereldsgezinde personen van denzelfden staat of stand in levenswijze en kleeding gevolgd wordt,

maar dienaangaande den gulden regel der middelmaat toepassen. (*)

C) Regel, Iloofdst. II, § i.

ocr page 92

91

3- Zij moeten zich verwijderd houden van gevaarlijke dansgezelschappen en tooneelvoorstellingen, waarbij namelijk aan de zinnen te veel vrijheid wordt veroorloofd, waar men zich in woorden, gebaren, kleeding enz. al te vrij en op uitgelaten wijze gedraagt en de grenzen der welvoeglijkheid, ingetogenheid en zedigheid te buiten gaat ; en in de beoordeeling hiervan moet men zich niet richten naar de meening eener lichtzinnige en bedorven wereld, maar naar de grondbeginselen van het heilig Evangelie. Over 't algemeen zijn de openbare danspartijen ter gelegenheid van kermissen en andere wereldsche vermakelijkheden, als ook de tooneelvoorstellingen in de hedendaagsche schouwburgen' gevaarlijk in den zin van den Regel. — Ook moeten de Tertiarissen zich niet laten vinden in bijeenkomsten, waar men zich aan overdaad in eten en drinken, aan onmatig tafelgenot overgeeft, of waar men zich op een ongepaste, buitensporige, te losse wijze vermaakt, waar de uitspanning tot laat in den avond, tot diep in den nacht

ocr page 93

92

wordt voortgezet. — Van deze bijeenkomsten, evenals van gevaarlijke dansgezelschappen en tooneel voorstellingen moeten de leden der Orde zich met de meeste omzichtigheid verwijderd houden, zóó dat zij, zoo noodig, alle voorzorgsmaatregelen en middelen te baat nemen, om niet, ook tegen wil en dank, tot het bijwonen ervan zedelijkerwijze genoodzaakt te worden. (1)

Overigens verbiedt de Regel geenszins het deelnemen aan eene onschuldige uitspanning, noch eene gepaste vroolijkheid. Gelijk hij de luidruchtige en ongebonden vreugde van de kinderen der wereld veroordeelt, zoo veroordeelt hij ook den somberen, stroeven en terugstootenden ernst eener verkeerd begrepen godsvrucht.

4. In spijs en drank moeten zij de matigheid onderhouden, welke vordert, dat men daarbij de gulden middelmaat in acht neme, overeenkomstig het doel, dat de rede zelve in het gebruik van spijs en drank aangeeft. Dit doel nu is de bewaring der gezondheid van het

1

Kegel, Iloofdst. II, § 2.

ocr page 94

93

lichaam cn zijner krachten, noodig tot het verrichten der bezigheden en het onderhouden der verplichtingen, aan ieders staat of stand eigen ; ook is het met dit doel geenszins strijdig aan het lichaam bovendien eene gematigde cn welgeregelde voldoening te geven. Overeenkomstig den geest van den Regel, die duidelijker uitgedrukt is in den oor-spronkelijken tekst, zullen zij over 't algemeen, met uitzondering van zwakheid, ziekte of zwaren arbeid, zich tevreden houden met twee maaltijden, namelijk het middag- en avondeten, met bijvoeging van het in de meer noordelijke landstreken gebruikelijke ontbijt. Daarenboven moeten zij bezorgd zijn in de hoeveelheid van spijs en drank zich eerder een weinig binnen de uiterste grens der matigheid te houden, dan wel die geheel te naderen, ten einde zich niet in gevaar te stellen ze te overschrijden, gedachtig aan het woord huns Serafijnschen Vaders : „Het is moeielijk aan de noodzakelijkheid ten volle te voldoen, zonder voedsel te geven aan de verkeerde neiging der zinlijkheid.quot;

i

ocr page 95

94

Vooral in het gebruik van sterke of bedwelmende dranken moeten zij zich zeer nauwe grenzen stellen, wijl 't hier het gebruik geldt eener zaak, die gewoonlijk enkel tot voldoening strekt en derhalve zeer lichtelijk in misbruik kan ontaarden, en uit vrees hiervoor moeten zij met de meeste omzichtigheid waken, om elke gelegenheid daartoe, zooals het veelvuldig en langdurig bezoek der herbergen, te vermijden. — Nauwgezet zullen zij het godvruchtig en eerbiedwaardig gebruik onderhouden en, waar zij kunnen, doen onderhouden, om telkens vóór en na het eten te bidden; en niet alleen in het huiselijk, maar ook, met terzijdestelling van het laffe menschelijk opzicht en met verachting van lage spotternij, in het openbaar leven zullen zij dit christelijk gebruik getrouw onderhouden, opdat het door hun invloed en voorbeeld onder de katholieken bewaard blijve en, waar zulks noodig is, herleve. (1)

5. Daags vóór het feest van Maria's Onbevlekte Ontvangenis en van onzen

1

Regel, Hoofdst. JI, g 3.

ocr page 96

95

H. Vader Franciscus moeten allen vasten, d. i. zich onthouden van vleeschspijzen, cn zich tevreden stellen met één vollen maaltijd en de gebruikelijke collatie; ook is het geoorloofd des morgens een stukje brood tc nemen. Wanneer de genoemde feestdagen op Maandag vallen, moet de voorgeschreven vasten niet op Zondag, maar op Zaterdag te voren gehouden worden. Diegenen, welke den vollen ouderdom van een en twintig jaren nog niet bereikt hebben, of het zestigste levensjaar zijn ingetreden, zijn door dit voorschrift alleenlijk verplicht zich te onthouden van vleeschspijzen, eveneens zij, die naar het oordeel van hun biechtvader of van den directeur wegens zwakke gezondheid of zvvaren arbeid het eigenlijk vasten moeielijk onderhouden kunnen; van de onthouding van vleeschspijzen bij het middagmaal (niet van het eigenlijk-vasten) zijn ontheven diegenen, welke op de voormelde dagen als huisgenooten of toevalligerwijze samenleven met niet-Ter-tiarissen en daarom moeielijk eene uitzondering kunnen maken. -—Daarenboven

ocr page 97

g , -—

96

is het loffelijk-, maar niet voorgeschreven des Vrijdags te vasten en des Woensdags zich van vleeschspijzen te onthouden, overeenkomstig de oude gewoonte der Tertiarissen. Dewijl nu de vroegere Tertiarissen zich ook op Zaterdag van vleeschspijzen onthielden, ligt het, volgens ons oordeel, in de bedoeling van Leo XIII de naleving der algemeene onthoudingswet eveneens op dien dag den Tertiarissen aan te prijzen, al is daarvan ook in het land of bisdom, waar zij wonen, algemeene dispensatie verleend. Bij deze bepaling maakt echter de oorspronkelijke Regel eene uitzondering; namelijk wanneer op die dagen een algemeen verplichtende feestdag invalt. De Tertiarissen wijken dus niet van de oude loffelijke gewoonte af, wanneer zij op de Woensdagen en Zaterdagen, die met verplichtende kerkelijke feestdagen samenkomen, evenals de andere geloovigen vleeschspijzen gebruiken. Deze uitzondering geldt echter niet voor het vasten op Vrijdag, behalve wanneer het feest van Kerstmis op dien dag valt ; in dit geval kunnen zij ook

ocr page 98

97

met de andere geloovigen vlceschspijzen gebruiken. (*)

6. lilke maand moeten zij in de ver-eischte gesteltenis hunne zonden biechten. Met dc meeste zorgvuldigheid zullen zij zich tot dit II. Sacrament voorbereiden, en vooral moeten zij bezorgd zijn, om zich met de hulp der genade tot een waar berouw en werkdadig voornemen op te wekken, opdat het herhaald biechten niet eene dorre en onvruchtbare gewoonte worde. Met eenvoudige oprechtheid zullen zij aan den biechtvader den toestand huns gewetens blootleggen, zooals zij zeiven dien kennen, opdat de biechtvader daarnaar zijne vermaningen en passende middelen kunne regelen. In alles moeten zij met kinderlijke gehoorzaamheid aan den biechtvader onderdanig zijn ; zijne terechtwijzingen en raadgevingen met dankbaarheid ontvangen en van tijd tot tijd eens onderzoeken, of en in hoeverre zij die opgevolgd hebben. — Ook moeten zij eens in de maand tot de H. Tafel (*) Regel, Iloofilst. 11, § 4.

N. Ilandb. Derde Orde. 7

ocr page 99

98

naderen met eenc godvruchtige voorbereiding en vurige dankzegging, opdat de H. Communie voor hen het Brood des levens zij, en zij door dit hemelsch voedsel gesterkt, evenals Elias, door de woestijn dezes levens wandelen tot den Berg Gods, dat is : tot een hoogen trap van volmaaktheid hier op aarde, en van heerlijkheid en glorie in den hemel. (1) Het zal zeer dienstig zijn, de onderhouding van dit voorschrift in de afzonderlijke congregatiën, voor zooveel doenlijk, in te richten tot eenc soort van alge-mcene communie, zoodat bij een kleine congregatie alle leden op denzclfden Zondag (b. v. den Zondag der maande-lijksche vergadering), of bij een groote de leden, verdeeld over meerdere Zondagen der maand, te zamen tot de H. Sacramenten naderen. Op deze wijze zal het goed voorbeeld der Tertiarissen in dit punt een meer krachtigen invloed uitoefenen op de vermeerdering der veelvuldige biecht en communie, waardoor in eene parochie de godsdienstzin en de

1

Regel, IloofJst. II, » 5-

ocr page 100

99

goede zeden niet weinig zullen worden bevorderd ; ook kan dan door den directeur beter gewaakt worden over de nauwgezette vervulling van dit zoo heilrijk voorschrift.

7. Zij, die de kerkelijke getijden niet lezen, moeten eiken dag, uitgenomen wanneer zij door ziekte verhinderd zijn, het Kleine Officie van Onze Lieve Vromv bidden of wel twaalfmaal het Onze Vader, Wees gegroet en Eere zij den Vader, {*) te weten: zesmaal voor de Metten en Lauden, ééns voor elke der vier kleine uren, namelijk : Prime, Terts, Sexte en None, en tweemaal voor de Vespers en Completen, volgens de verklaring van Leo XIII in eene bijzondere audiëntie van den 7quot; Juli 1883 verleend aan de generale oversten der Franciscanen. Het is raadzaam, om dit dagelijksch gebed, naar de wijze der kerkelijke getijden, over den dag te verdeden, b. v. op deze wijze : de zes Onze Vaders enz. voor de Metten en Lauden bij het morgengebed, of 's avonds te voren bij het avondgebed ;

(*) Regel, lloofdst. II, § 6.

ocr page 101

IOO

het Onze Vader enz. voor de Prime bij het begin van den arbeid, dat voor de Terts in den loop van den voormiddag; het Onze Vader enz. voor de Sexte, wanneer men 's namiddags zijne bezigheden hervat, en dat voor de None in den loop van den namiddag ; de twee Onze Vaders enz. voor de Vespers en Completen tegen den avond bij het eindigen der werkzaamheden of bij het avondgebed. Op deze wijze zal het voorgeschreven dagelijksch gebed niet alleen zonder cenig bezwaar, ook bij den minst beschikbaren tijd, kunnen verricht worden, maar het zal ook voor de leden zeer heilzaam wezen; want daar het gebed aldus dagelijks bij herhaling geschiedt, zal hun geest onder de verstrooiende bezigheden van den dag meer met God vereenigd blijven ; zij zullen daarin een krachtig hulpmiddel vinden tegen dc opkomende bekoringen en Gods genade en zegen over zich en hunnen arbeid ruimschoots doen afdalen. Men voldoet echter volkomen aan de letter van dit voorschrift, ook wanneer men de voorge-

ocr page 102

lot

schreven Onze Vaders enz. niet op de voormelde wijze bidt.

S Om moeielijkheden, oneenigheden en twisten te voorkomen, die onder de erfgenamen bij gemis van een testament niet zelden ontstaan, zullen de leden hunne nalatenschap met inachtneming der burgerlijke wetgeving bij testament regelen overeenkomstig de eischen van recht en billijkheid, en wel intijds, d. i. zoodra er geen redelijke grond tot langer uitstel bestaat, opdat later misschien de tijd niet ontbreke, of zij ten minste in hunne laatste ziekte niet door die zorg verontrust worden. (1) Overeenkomstig den geest van dit voorschrift moeten de Tertiarissen bezorgd zijn hun hart niet te hechten aan de vergankelijke goederen dezer aarde, welke hun door den dood zullen worden ontnomen. Zij zullen zich beschouwen niet als geheel onafhankelijke meesters, maar alleen als beheerders hunner bezittingen, van welk goed of slecht beheer zij eenmaal voor God rekenschap zullen moeten afleggen; zij zullen zich

1

Hegel, Hoofdst. II, § 7.

ocr page 103

102

todeggen op de navolging der armoede van hunnen H. Vader door de beoefenino-der verheven armoede des geestes, waaraan de Goddelijke Leermeester het hemelrijk heeft beloofd : „Zalig zijn de armen van geest, want hunner is het rijk der hemelenquot;.

9- In den huiselijken omgang zullen zij zich beijveren door het goed voorbeeld van een waarlijk christelijk leven, overeenkomstig de voorschriften der geboden van God en van de H. Kerk, de instandhouding en verspreiding der ware deugd bij anderen te bevorderen; zij zullen streven naar eene meer volmaakte onderhouding der geboden, zoadat zij niet alleen de groote, maar ook de geheel vrijwillige kleine overtredingen ervan vermijden. Inzonderheid moeten zij met nauwgezetheid de plichten vervullen, welke de bijzondere verhouding, waarin zij tot het huisgezin staan, van hen vordert ; de ouders en oversten moeten over hunne kinderen en onderdanen waken en hen met liefde en wijze voorzichtigheid vermanen en bestraffen, waar zulks noodig

ocr page 104

io3

is; dc kinderen moeten hunnen ouders eerbied, liefde en gehoorzaamheid bewijzen, de dienstboden hunnen oversten onderdanig zijn en het hun opgelegde werk met vlijt en naarstigheid verrichten. — Daarenboven moeten zij in het huisgezin de oefeningen van godsvrucht bevorderen ; het gezamenlijk gebed, met name het rozenkransgebed, vooral des avonds na volbrachten arbeid ; de christelijke viering van den Zondag, niet alleen overeenkomstig het gebod van de M. Kerk, maar ook overeenkomstig haren geest, zoodat men zich niet tevreden stelle met het bijwonen der heilige mis, maar ook de namiddag-oefeningen zooveel mogelijk bijwone, alsmede zijn geest en hart voede door het geestelijke brood van Gods woord; het bijwonen der heilige mis in de week door een of meer huisgenooten, voor zooverre huiselijke plichten en bezigheden zulks toelaten ; het naderen tot dc HM. Sacramenten, vooral bij gelegenheid der voornaamste feestdagen. Ook buiten het huisgezin zullen de Tertiarissen de godsdienstige instellingen en goede

ocr page 105

io4

werken, vooral die de uitbreiding des geloofs, de bevestiging van liet godsdienstig leven en dc beoefening der christelijke naastenliefde ten doel hebben, ijverig bevorderen; alsmede tot al het goede, dat onder hen wordt tot stand gebracht, door woord en voorbeeld, door zedelijken en stoffelijken steun, voor zoover hun maatschappelijke stand dit toelaat, krachtdadig medewerken. Zij moeten eene welgeordende geestelijke keurbende uitmaken, die onder aanvoerinr

' o

en bestiering hunner geestelijke herders moedig strijden, om in hunne parochie het rijk van Christus uit te breiden en de heerschappij van satan te fnuiken. — Boeken en nieuwsbladen of kranten, waaruit gevaar voor de deugd te vreezen is, en in 't algemeen alle geschriften, die eene den godsdienst en der Kerk vijandige richting zijn toegedaan, mogen zij in hunne huizen niet toelaten, zij zeiven zullen ze niet lezen, en daarenboven waken, dat ze niet gelezen worden door hunne kinderen of onderdanen. Ook moeten zij zich wachten voor eene al te wereldsche.

ocr page 106

IDS

te vrijzinnige romanlectuur, waarvan de verkeerde invloed des te meer te vreezen is, naarmate hij minder wordt gevoeld. (*) Daarentegen wordt den Tertiarissen zeer aanbevolen het lezen van godvruchtige en godsdienstige boeken en geschriften, welke de kennis van onzen heiligen godsdienst, zijne leer en gebruiken, vermeerderen en tot de beoefening der deugd opwekken; te dien einde zoude liet zeer nuttig zijn in elke congregatie eene verzameling van dienstige boeken en geschriften te hebben, om den leden gelegenheid tot geestelijke en stichtende lectuur te geven.

io. Niet alleen onderling, maar ook ten opzichte van anderen moeten zij zorgvuldig eene welwillende liefde in acht nemen. De onderhouding toch van het gebod der liefde is niet alleen een on-derscheidingsteeken der ware Christenen en bijgevolg ook der oprechte Tertiarissen, maar daarenboven de veredelende band der huiselijke en maatschappelijke samenleving. Zij moeten dan in hun doen en

{*) Regel, Hoofdst. II, § 8.

ocr page 107

io6

laten alles vermijden, wat de liefde kwetst of aanleiding zou kunnen geven tot on-eenigheden en afgekeerdheid, vooral moeten zij zich wachten van kwaadspreken, van beoordceling en beknibbeling der woorden en daden van anderen. In hun uiterlijk gedrag moeten zij verdraagzaam zijn ten opzichte van eens anders fouten en gebreken, en over hun hart waken, opdat geene liefdelooze gevoelens jegens den naaste daarin wortel schieten. Zij moeten zich jegens den naaste goedgezind toonen en door gedienstigheid en hulpbetoon, waar zij kunnen, van hunne welwillende liefde blijk geven. — Daarenboven zullen zij als kinderen des vredes met liefdevolle zachtmoedigheid en wijze voorzichtigheid naar hun best vermogen de oneenigheden trachten bij te leggen, welke tusschen anderen, en vooral welke tusschen leden der Orde mochten ontstaan zijn. (1)

Inzonderheid zij den Tertiarissen de beoefening der christelijke naastenliefde door geestelijke en lichamelijke werken van barmhartigheid krachtig aangeprezen.

1

Hoofdst. II, g 9.

ocr page 108

io/

Vooral voor parochiën, waar naast liet armbestuur gccnc bijzondere katholieke vereeniging van liefdadigheid bestaat, is het zeer aan te bevelen, dat de congregatie der Orde, onder leiding van haar Bestuur, zulk eene vereeniging vornic, die hoofdzakelijke ten doel heeft de zoogenaamde huisarmen op te zoeken en te ondersteunen, de behoeftige zieken te verzorgen en te verplegen, en dit niet alleen om hun lichamelijke ellende te lenigen en te verzachten, maar ook voornamelijk om in hunne geestelijke behoeften te voorzien.

II. Nooit mogen zij zonder ware noodzakelijkheid een eed doen; ook moeten zij zich zorgvuldig wachten van lichtvaardig zweren of zichzelven verwenschen, om daardoor aan hunne woorden meer kracht bij te zetten ; maar in geheel hun handel en wandel schijne zulk eene liefde voor waarheid, rechtvaardigheid en trouw uit, dat eenieder hun op hun woord geloof schenkt. Nimmer kome een vloekwoord of vervvensching over hunne lippen ; ook moeten zij naarstig bezorgd zijn

ocr page 109

io8

hunne gewone gesprekken niet te ontsieren door zoogenaamde basterdvloeken of andere minder passende uitdrukkingen ; want de overgang van ruwe woorden tot slechte woorden is zeer gemakkeiijk. — Zij moeten zicii zorgvuldig wachten de heilige namen oneerbiedig uit te spreken of ze lichtzinnig in hunne gesprekken te mengen, volgens de vermaning van den H. Geest in het boek Eccleciasticus: „Voer niet altijd den naam Gods op uwe tong, en meng ook den naam der heiligen niet in uwe gesprekken, want gij zoudt niet zonder zonde blijvenquot;. Zij zullen er zich op toeleggen, den Zoeten Naam Jezus godvruchtig te vereeren, bijzonderlijk door hem bij hunne dagelijksche bezigheden, en vooral in beproevingen en gevaren der ziel en des lichaaras met eerbied aan te roepen. De ondervinding zal hen leeren, welk eene wonderbare kracht en zalving in de godvruchtige aanroeping van dien li. Naam gelegen is. — Van onkuische of dubbelzinnige taal, onbetamelijke spotternij en bijtende scherts zullen zij een grooten afkeer toonen, en

ocr page 110

109

daarom zooveel mogelijk de personen door wie en de plaatsen waar zulke dingen geschieden vermijden. Worden in hunne tegenwoordigheid onbetamelijke gesprekken gevoerd, dan zullen zij naar vermogen trachten deze te doen ophouden, of ten minste door een ernstig stilzwijgen hunne afkeuring te kennen geven. Inzonderheid ouders en oversten moeten zorgvuldig waken, dat geenc onbetamelijke woorden en gesprekken onder hunne kinderen, onderdanen of dienstboden gehoord worden. (1)

12. Eiken avond zullen de leden het gewetensonderzoek doen, dat wil zeggen: al hun doen en laten van den geheelen dag overdenken, of zij soms door gedachten, begeerten, woorden, werken of verzuimenissen eenigen misslag hebben begaan ; bijzonderlijk worde daarbij acht gegeven op de gesprekken, waardoor men zoo lichtelijk kan misdoen. Bevinden zij zich schuldig, dan zullen zij den He-melschen Vader met een ootmoedig en berouwvol, maar tevens betrouwend hart

1

Regelgt; Hoofdst. II, j 10.

ocr page 111

no

om vergiffenis smeeken, en een krachtdadig voornemen maken zich met Gods hulp te verbeteren. Dit onderzoek, zal het ware levensverbetering voortbrengen, moet zich ook uitstrekken tot de gelegenheden en oorzaken der fouten en misslagen, om daartegen gepaste middelen te kunnen vaststellen. (1)

13. Dagelijks moeten zij de heilige mis bijwonen, bijaldien zij niet door huiselijke bezigheden, door ambt, bediening of betrekking, of eene andere redelijke oorzaak, van welken aard ook, verhinderd zijn. Wanneer zij die uit nalatigheid of om redenen, van hunnen wil afhankelijk, verzuimen, moet men zeggen, dat zij dit voorschrift overtreden. (2)

14. Zonder gegronde reden zullen zij niet verzuimen de maandelijksche vergaderingen (indien deze in hunne woonplaats of onmiddellijke buurt gehouden worden) bij te wonen. (3) Het doel daarvan is, om door een gemeenschappelijk gebed

1

Regel, 1 [00felst. II, § 10.

2

(*!:) Regel, Hoofdst. II, § 11.

3

Regel, Hoofdst. II, § H.

ocr page 112

111

den zegen des Hemels af te smeeken, den band eener ware onderlinge liefde te versterken en nauwer toe te halen, en vooral om aangaande de verplichtingen van den Regel en de voorschriften eener echt christelijke levenswijze onderricht en tot naleving ervan aangespoord te worden. Deze vergaderingen zijn derhalve een krachtig middel tot bevordering niet alleen van den bloei dei-Orde zelve, maar ook van den geestelijken voortgang der leden in 't bijzonder. Daarom moeten de directeurs zeiven of door anderen inzonderheid over de onderhouding van dit voorschrift waken. Zijn de leden wettig verhinderd dan zullen zij hiervan aan den directeur kennis geven.

Behalve de maandelijksche vergadering worde telken jarc tweemaal een buitengewone vergadering gehouden, namelijk den 16quot; April, met vernieuwing der professie, en op het feest van het Goddelijk I lart, met vernieuwing der toewijding aan het II. Hart, of op de Zondagen daaropvolgende. Bij deze gelegenheden

ocr page 113

I 12

worde eene heilige mis opgedragen tot geestelijk en tijdelijk welzijn van de leden der congregatie. Ook kan de directeur volgens goedvinden eene buitengewone vergadering houden ter gelegenheid van een of ander der voornaamste feestdagen van de Orde, waarop dan tevens de plechtigheid der inkleeding en professie kan plaats hebben. (§)

In de vergaderingen zullen de leden, ieder volgens zijn vermogen, eene kleine aalmoes geven, waarvan de opbrengst zal dienen, om de minder gegoede medeleden, vooral wanneer die ziek zijn, te ondersteunen, of om den luister van den godsdienst te bevorderen. (1) Ook kunnen deze aalmoezen, volgens goedvinden van het Bestuur, besteed worden tot uitoefening van werken der christelijke naastenliefde (i) of tot andere godvruchtige doeleinden.

15. Wanneer een medelid ziek is, moeten de oversten zeiven hem bezoeken

1

Regel, Iloofdst. II, § 12.

(ï) Vgl. n. 10, bladz. 107.

ocr page 114

ii3

of een ander zenden, om hem de verschuldigde liefdediensten te bewijzen. De leden zullen ook nu en dan uit eigen beweging de zieke medeleden bezoeken, inzonderheid wanneer deze in hunne nabijheid wonen. Dit voorschrift moet echter met voorzichtige bescheidenheid onderhouden worden, opdat de vervulling ervan den zieke niet tot last strekke of andere moeielijkheden tewcegbrenge. Deze zorg voor zieke medeleden is vooral dan noodzakelijk, wanneer hun de noodige hulp en verpleging mocht ontbreken ; de oversten zullen alsdan zorg dragen, dat hierin door persoonlijke liefdediensten der andere leden of op andere wijze zooveel mogelijk worde voorzien ; in geval van behoeftigheid moet de zieke, voor zoover mogelijk uit de inkomsten der congregatie, worden voorzien van hetgeen zijn toestand vereischt. (i) Is de ziekte gevaarlijk, dan zullen zij, zoo noodig, den zieke met liefdevolle voorzichtigheid, maar ook met christelijke vrijmoedigheid (i) Vgl. lloofdst. II, § 12.

N. Handb. Derde Orde. 8.

ocr page 115

114

waarschuwen en aansporen, om intijds de HH. Sacramenten te ontvangen. (*)

16. Bij het overlijden van een medelid zullen de Tertiarissen van de plaats alsmede zij, die daar tijdelijk verblijven, zorg dragen bij de lijkplechtigheden tegenwoordig te zijn ; zonder een gegronde reden moeten zij dezen christelijken liefdedienst aan een overleden medelid niet weigeren. Zij zullen niet alleen de lijkmis bijwonen, maar ook, indien de plaatselijke omstandigheden het niet verhinderen, den afgestorvene naar het kerkhof vergezellen en als genootschap vereenigd zich bij den lijkstoet aansluiten. Zij zullen alsdan gezamenlijk, indien zulks gevoeglijk kan geschieden, tot rust der ziel van den afgestorvene een derde gedeelte van den Rozenkrans of een Rozenhoedje bidden. Ook zullen, bij het overlijden van een medelid der congregatie, de leden, die priester zijn, in de heilige mis tenminste een vicmcnto houden, en de overige leden, indien zij kunnen, tot de H. Tafel

{*) Kegel, Iloofdst. II, § 13.

ocr page 116

IIS

naderen, om voor hun overleden medelid den eeuwigen vrede af te smceken. (1)

Daarenboven zal iedere congregatie telkens, wanneer een harcr leden komt te overlijden, kort na de begrafenis tot rust der ziel een gezongen of ten minste gelezen zielmis laten houden, waarbij al de leden, voor zoover mogelijk, eveneens tegenwoordig zijn. Het is zeer loffelijk ook dan voor den overledene een Rozenhoedje te bidden. Degenen echter, die zulks noch bij de begrafenis noch bij den lijkdienst gedaan hebben, zullen het Rozenhoedje afzonderlijk bidden. (§)

Telken jare in dc maand November zal iedere congregatie op een dag naar verkiezing een plechtige zielmis laten houden voor alle overledenen der Orde, en meer in 't bijzonder voor de eigen afgestorven medeleden. Hierbij zijn dan, zoo mogelijk, alle leden der congregatie tegenwoordig, (j) Tevens wordt den leden aanbevolen, om ook bij deze

I

1

Regel, Hoofdst. II, § 14.

($) Verordening.

(f) Statuut, ad Caput XV, OJjficium Mi nistri, in fine.

ocr page 117

116

gelegenheid te onderhouden wat boven gezegd is aangaande het bidden van het Rozenhoedje, het incviculo in de Mis voor de priesters en de II. Communie voor de overige leden.

De directeur zal zorgen, dat de dag en het uur van deze zielmis alsmede van de lijkplechtigheden en de later te houden zielmis voor een afgestorven medelid aan de Tertiarissen der plaats worden bekend gemaakt. (^)

DERDE HOOFDSTUK.

Over de Bedieningen, de Visitatie en den Regel zeiven.

i. De bedieningen in de congregation zijn; die van directeur, van minister (moeder), van een assistent (assistente) en van twee (in meer talrijke congregatiën, met goedvinden van den directeur, van vier) discreten of raadsleden, (i) uit (§) Verordening.

(i) Deze regeling, ofschoon verschillend van dc bepaling der Statuten Ad Cap. XV, vindt haren grond in die zelfde Statuten, dewijl zij t. a. p. vrijheid laten het getal der bedieningen te vermeerderen of te verminderen.

ocr page 118

li/

welke een tot secretaris, een ander tot penningmeester kan benoemd worden door den directeur in overleg met de overige bestuursleden. Die deze bedieningen bekleeden maken het Bestuur uit der afzonderlijke congregatiën. — De Broeders en de Zusters hebben een afzonderlijk Bestuur, mits zij afzonderlijk minstens twaalf in getal zijn, zóó nochtans, dat een en dezelfde persoon directeur kan zijn der beide afdeelingen. (^)

2. De directeur, die altijd een priester is, wordt aangesteld door de oversten der Franciscaansche Orden of, met machtiging der generale oversten dier Orde, door den bisschop der diocese. De duur van zijn ambt is overeenkomstig het goedvinden van hem, die aanstelt. (*)

De overige bestuursleden worden de eerste maal benoemd door hem, die de congregatie opricht. (**) Hunne bedieningen duren drie jaren, na welks tijdsverloop telkens een nieuw Bestuur wordt

(s) Verordening. ( ) Vgl. Eerste Hoofdsl. n. i. (*') Ceremonieel. Artikel VII.

ocr page 119

118

gekozen, (*) Geen der aftredende leden kan tot dezelfde bediening (Minister of Moeder, Assistent of Assistente, raadslid) herkozen worden; niemand mag langer dan 7.c?, 'yAxe.x\ achtercen bestuurslid blijven ; oen afgetreden bestuurslid kan niet op-niet opnieuw tot lid van het Bestuur gekozen worden dan na een tusschentijd van zes jaren. (§)

De verkiezing geschiedt in eene bijzondere vergadering der kiesgerechtigden

(*) Kegel, Iloofdst. Ill § I.

(») Verordening. Deze verordening heeft ten doel, om te verhinderen, dat, tegen den geest der bepaling van den oorspronkelijken Regel, (Cap. X V,' Pt llinis-/ris), de verschillende bedieningen grootendeels door dezelfde personen worden bekleed. — De vastgestelde uiet-herkiesbaarheid is geenszins in strijd met de tegenovergestelde bepaling der Statuten (ad Cap. XV, Officium Minislri); de verkiesbaarheid is daar toegestaan bij eene jaarlijksche verkiezing, en alleen in dien zin, volgens de algemeene verklaring der uitleggers, dat dezelfde personen niet langer tlau drie jaren tot dezelfde bediening mochten herkozen worden. — De twee bepalingen der Statuten {ad Cap. XV, De electionibus etc.) aangaande het aanblijven van twee bestuursleden en de herkiesbaarheid van den Minister achten wij doelloos bij de tegenwoordige inrichting der congregaties met den directeur als aanblijvend hoofd des Bestuurs.

ocr page 120

ii9

onder voorzitterschap van den visitator (wiens tegenwoordigheid echter niet volstrekt vereischt wordt) of van den directeur door middel van stembriefjes, waarop ieder kiesgerechtigde de namen der nieuwe waardigheidsbekleedcrs schrijft zooals volgt : Minister (Moeder) : Br. (Zr.) N. Assistent (Assistente): ]5r. (Zr.) N. Discreten : de Broeders (de Zusters) N. en N. — Kiesgerechtigden zijn, behalve den visitator, de directeur niet de overige bestuursleden, alsmede zij, die minister (moeder) der congregatie geweest zijn. — Kiesbaar zijn alle leden der congregatie, die de professie hebben afgelegd. ■— Het staat den Voorzitter vrij uit de kiesbare leden een zeker getal, minstens het dubbel der te kiezen waardigheidsbekleedcrs, voor te stellen; de kiesgerechtigden hebben echter de bevoegdheid, ook anderen te kiezen. — Tot eene geldige keuze wordt vereischt : n) dat minstens twee derden der kiesgercchtig-tigden (de visitator niet medegerekend) aanwezig zijn; /gt;) dat de gekozene de stemmen van één meer dan de helft der

ocr page 121

120

aanwezige kiesgerechtigden op zich ver-ecnige. Indien bij de eerste stemming niet voor alle bedieningen de onder letter /gt;) vereischte meerderheid verkregen is, wordt eene tweede en, zoo noodig, eene derde stemming voor de niet aangevulde gehouden. Na de derde stemming is de keuze der ontbrekende waardigheidsbe-kleeders voorbeho.uden aan den voorzitter, doch onder de beperking, dat hij zich in zijne keuze bepale tot diegenen, welke stemmen hebben gehad. (%) 15ij de verkiezing worden de voorschriften onderhouden van het Ceremonieel, Artikel V.

Wanneer tusschentijds eene bediening vacant komt, dan wordt daarin door den directeur met de overige bestuursleden bij keuze, overeenkomstig de voorgaande bepalingen, voorzien, tenzij de algemeene keuze aanstaande is. Het aldus gekozen bestuurslid is bij de eerstvolgende algemeene verkiezing herkiesbaar, ingeval hij geen volle twee jaren zijne bediening heeft waargenomen, (^j)

(§) Verordening ; v^jl. Statuut, ad Caput Xl\ De eleciionihus etc.

(§) Verordening.

ocr page 122

121

Dc namen der gekozenen worden den leden bekend gemaakt in eene algemeene vergadering, welke de eerstvolgende maandelijksche vergadering zijn kan. Door deze afkondiging worden de gekozenen in de verschillende bedieningen of ambten bevestigd of aangesteld. Niemand mag zonder gegronde reden weigeren het hem toegewezen ambt te 'aanvaarden ; eenieder moet de verplichtingen daaraan verbonden met de meeste nauwgezetheid vervullen, (*)

3. De directeur is bij de congregatie, waarover hij is aangesteld, de gewone en blijvende vertegenwoordiger der Fran-ciscaansche oversten en als zoodanig haar onmiddellijk hoofd ; aan hem dus is, in afhankelijkheid van de oversten der Franciscaansche Orden, de leiding der congregatie toevertrouwd. Op hem rust de verplichting zorgvuldig te waken over het gedrag der hem onderhoorige Tertiarissen en hen door leering en opwekking, vermaning en berisping op te leiden tot een waarlijk christelijken

(') Regel, Hoofdst. Til, § 1.

ocr page 123

122

levenswandel, volgens de voorschriften en den geest van den Regel, (f)

In de geestelijke leiding is de directeur geheel onafhankelijk van het Bestuur; doch in de tijdelijke aangelegenheden vermag hij niets zonder overleg met en toestemming van het meerendeel der overige bestuursleden. (^)

De overige bestuursleden, onder welke de minister (moeder) en in zijne (hare) afwezigheid de assistent (assistente) de eerste plaats bekleedt, zullen den directeur met volgzame onderwerping en bescheiden ijver in de leiding der congregatie bijstaan, en met hem zorg dragen voor den bloei en de belangen der congregatie.

In meer talrijke en meer uitgebreide congregaties, vooral welke zich uitstrekken over verschillende parochies, gehuchten of dorpen, is het zeer aan te bevelen, buiten het Bestuur eenige ijverige en voorzichtige leden aan te stellen als zelateurs (zelatricen), om den bestuurs-

(i) Vgl. Statuut, ad Cap.X\\ Officium F/si/a/oris. (§) Verordening.

ocr page 124

123

leden in de zorg voor den bloei en de belangen der congregatie ter zijde te staan. Hun worde dus een zeker gedeelte (zeker getal van leden) der congregatie aangewezen, om met voorzichtigheid en liefde toe te zien, hoe de wet van God, de Regel en de bijzondere voorschriften onderhouden worden, en de voorkomende aanmerkelijke overtredingen aan den directeur mede te deelen. Inzonderheid zullen zij acht geven op de getrouwe bijwoning der vergaderingen en trachten de zieke en hulpbehoevende leden te kennen, om den directeur daarvan te verwittigen, (f)

Waar geen zelateurs of zelatricen zijn aangesteld zullen de bestuursleden gezegde taak meer bijzonder op zich nemen.

4. Eenmaal in de maand zullen de directeur en de overige bestuursleden in eene afzonderlijke vergadering samenkomen ; de directeur bekleedt daarin het voorzitterschap, tenzij de visitator aanwezig is. (*)

(I) Statuut, ad Cap. XV, Officii nu Zelalorum.

(*) Ceremoniëel, Artikel IV.

ocr page 125

124

Het algemeen doel dezer bestuursvergadering is om de belangen der congregatie te bespreken. Elk bestuurslid heeft het recht dienaangaande voorstellen te doen. De meer gewichtige besluiten worden door den secretaris in een afzonderlijk register opgeteekend. In deze vergadering wordt gehandeld over het toelaten tot de inkleeding en tot de-professie ; ook over de aalmoezen, aan hulpbehoevende zieke en andere minder gegoede medeleden uit te reiken, alsmede over andere noodzakelijke of nuttige uitgaven. Alle drie maanden zal de penningmeester aan het Bestuur verslag geven der ontvangsten en uitgaven, welke hij derhalve in een afzonderlijk register zal aanteekenen. (^)

Bij het begin en het einde der bestuursvergadering worden de gebeden verricht, aangegeven in Artikel IV van het Ceremonieel.

5. De visitatie, in den Regel voorgeschreven, heeft hoofdzakelijk ten doel om den bloei der Orde in de afzonderlijke

(§) Veionlening ; vgl. Statuut, ad Cap. A7//.

ocr page 126

125

congregaticn en het geestelijk welzijn harer leden te bevorderen, dour een onderzoek in te stellen naar de onderhouding van dc voorschriften des Regels. De visitatie moet, volgens voorschrift, ten minste eenmaal in het jaar plaats hebben. (*) 1 )it voorschrift van den Regel veronderstelt echter, dat aan het hoofd der afzonderlijke congregatiën niet een priester staat als directeur, wien de voortdurende zorg voor de onderhouding des Regels is toevertrouwd, zooals dit in ons vaderland het geval is. Dientengevolge is dc menigvuldige visitatie, door den Regel vastgesteld, bij ons overbodig, en kan veilig, zonder aan den geest des Regels te kort te doen, van dc letter dezer bepaling worden afgeweken. Om echter den geest van dit voorschrift te onderhouden, wordt den directeurs der congregatiën dringend aanbevolen, om de visitatie nu en dan te doen plaats hebben, waarvoor de voorgeschreven driejarige verkiezing een zeer geschikte gelegenheid aanbiedt. Hierdoor zal dan

(*) Kegel, lioofdst. Ill, § 2.

ocr page 127

126

ook de band, die uitteraard tusschen de Eerste en Derde Orde bestaat, door den Apostolischen Stoel steeds is bevestigd en door Leo XIII in het voorschrift aangaande den persoon des visitators (1) nauwer is toegehaald, onverbroken blijven en sterker worden.

De visitatie betreft onmiddellijk de congregatiën als zoodanig, niet de afzonderlijke leden. In eene bijzondere vergadering der bestuursleden zal de visitator met dezen den staat der congregatie bespreken, en aangaande haar leiding, bestuur en werking die wenken geven, die voorstellen doen, welke hij tot haren bloei, de onderhouding des Regels en het geestelijk welzijn der leden nuttig zal oordeelen. Vervolgens belegt hij eene algemeene vergadering der leden, deelt de genomen besluiten mede, wijst op hetgeen te verbeteren valt en wekt allen op tot ijver en volharding in het streven naar de christelijke volmaaktheid overeenkomstig het doel der Orde. (*)

(1) Regel, Hoofdst. Ill, § 3.

(:i!) Vgl. Regel, Hoofdst. III, § 2.

ocr page 128

12?

Bij liet begin en einde dezer vergadering moet worden onderhouden Artikel VI van het Ceremonieel.

Ue visitators moeten met de priesterlijke waardigheid bekleed zijn en gekozen worden uit de Eerste (Minderbroeders, Conventueclen, Kapucijnen) of uit de reguliere Derde Orde der Franciscanen. Zij worden aangesteld door de provinciaals voor de geheele provincie (welke bij ons het geheele land omvat) of door de gardiaans voor hun district. (1) De visitators hebben, tijdens de uitoefening van hun ambt, tie macht nieuwelingen in te kleeden, hunne professie aan te nemen, den pauselijken zegen en op de vastgestelde dagen de generale absolutie te geven.

6. De leden zullen de vermaningen en waarschuwingen, hun door den visitator of door den directeur in het bijzonder gegeven, ootmoedig en gewillig ontvangen en niet weigeren de straf of boete, hun voor een of andere overtreding van den Regel opgelegd, te volbrengen. (2)

1

(:!:) Regel, Hoofdst. III, § 3.

2

Regel, IToofdst. III, § 2.

ocr page 129

I 28

Ook de algemeene vermaningen en onderrichtingen, welke in de maande-lijksche vergaderingen door hun directeur worden gegeven, zullen zij met bereidvaardigheid aannemen, en deze alleen op zich zeiven toepassende, ijverig trachten hun levenswandel daarnaar te regelen. Zij moeten zich derhalve niet tevreden stellen met aandachtig naar die onderrichtingen en vermaningen te luisteren, maar ook in een ernstig onderzoek treden, of en in hoeverre zij in hun gedrag daarvan afwijken, om des te beter te erkennen waarin zij zich moeten verbeteren.

ii

Wie bij ontvangen vermaning, berisping of straf zich onwillig en hardnekkig toont, of door kwaad voorbeeld ergernis geeft en de Orde in opspraak brengt, moet uit de Orde verwijderd worden. (1) Deze straf besluit uitteraard in zich het verlies van het recht op de verleende aflaten en voorrechten. Behalve de verwijdering uit de Orde is ook in gebruik de tijdelijke of altijddurende uitsluiting uit de conpresjatic, welke het verlies van het

1

Regel, iloofilst. III, § 4; Stalmit, ad Cap. TIL

ocr page 130

129

recht op de verleende aflaten en voorrechten niet ten gevolge heeft, maar alleen berooft van de deelhebbing aan de h. missen en gebeden, welke door de congregatie en hare leden, volgens voorschrift of gebruik, voor de medeleden, in het leven of na den dood, geschieden. 13e verwijdering uit de ürdc en de altijddurende uitsluiting uit de congregatie moeten, wegens hare gevolgen, niet dan met de grootste omzichtigheid worden toegepast. Zware misslagen tegen de geboden van God en van de H. Kerk en tegen de plichten van zijnen staat, algeheele ver-waarloozing van den Regel, stijfhoofdige onwil tegenover dc leiding van den directeur maken de verwijdering uit de Orde noodzakelijk; aanmerkelijke en openbare overtredingen van den Regel, vooral die de hoogachting voor de Orde bij anderen verminderen, kunnen de altijddurende uitsluiting uit de congregatie billijken. Beide mogen echter dan alleen worden toegepast, wanneer, na twee- en driemaal vermaand te hebben,

N. Haiulb. Derde Orde.

/.

9-

ocr page 131

130

geen verbetering volgt, zoodat men met recht gemis aan goeden wil mag veronderstellen. De tijdelijke uitsluiting uit de congregatie, vooral wanneer zij niet bekend gemaakt wordt, kan worden toegepast bij minder aanmerkelijke, maar bij herhaling gepleegde overtredingen, en in 't algemeen, wanneer er hoop bestaat op verbetering.

■ ff m

Het recht, om iemand uit de Orde te verwijderen of buiten de congregatie te sluiten, berust, behalve bij de oversten der Franciscaansche Orden, ook bij den visitator en den directeur, als hunne plaatsvervangers, in overleg nochtans met het Bestuur der respectieve congregatie. Wanneer een lid uit de Orde verwijderd of voor altijd buiten de congregatie gesloten is, wordt dit in de algemeene vergadering der leden bekend gemaakt, (f) Hij zal niet meer opnieuw in de Orde opgenomen of als lid der congregatie ontvangen worden dan na eene blijkbare en door den tijd als standvastig bewezen verbetering. (^)

(I) Statuut, (ïd Ca/*. XV/. (§) Verordening.

ocr page 132

131

L_

7. De voorschriften van den Regel, in zich beschouwd, verplichten niet op zonde; hij dus, die eenig voorschrift overtreedt, zondigt daardoor niet, tenzij die overtreding tevens in strijd is met de wetten van God of de geboden dei-Kerk. (*) Wie bijv. het voorgeschreven dagelijksch gebed niet verricht, in de week de mis zonder reden verzuimt, misdoet tegen den Regel, doch maakt zich

Iniet schuldig aan zonde; doch wie het gebod der liefde schendt, onzuivere taal spreekt, zondigt, doch niet omdat hij tegen den Regel misdoet, maar omdat hij de wet van God overtreedt.

8. Om gewichtige en wettige reden

Ikan in bijzondere gevallen in de voorschriften van den Regel worden gedispenseerd, of er kan daarvoor eenig ander goed werk in de plaats worden gesteld. Deze bevoegdheid om te dispenseeren omvat niet de voorschriften, welke de intrede in de Orde (Hoofdst. I) of hare leiding (Hoofdst. 111) betreffen, maar alleen die, welke de levenswijze der

(*) Regel, Hoofdst. III, § 5.

ocr page 133

132 *

Tertiarissen zclven regelen, en onder deze meer in 't bijzonder die bepalingen, welke zekere goede werken of godvruchtige oefeningen voorschrijven. Deze dispensatie kan niet alleen door de gewone oversten der Franciscaansche Orden worden verleend, maar ook door de visitators en de directeurs der afzondei-lijke congregatiën. (')

(!) Regel. Tloofdst. 11T, 6.

ocr page 134

Kopt Begrip

VAN DE

Verplichtingen der Tertiarissen. —:: i —

I. Voor clkcn dag.

1. Dc Tertiarissen moeten dagelijks, wanneer zij niet door eene redelijke oorzaak verhinderd zijn, de h. mis bijwonen. (Regel, Hoofdst. II, § 11 ; vgl. bladz. 110, n. 13.)

2. Zij, die de Kerkelijke Getijden niet lezen, moeten eiken dag, uitgenomen wanneer zij door ziekte verhinderd zijn, bidden of het Kleine Officie van Onze Lieve Vrouw óf twaalfmaal het Onze Vader, Wees gegroet en Eere zij den Vader. (Regel, Hoofdst. II, ^ 6; vgl. bladz. 99, n. 7.)

3. Vóór en na eiken maaltijd moeten zij met vereischte aandacht en eerbied eenig gebed verrichten, om den hemelschen

ocr page 135

134

Vader voor Zijne gaven en weldaden hunnen godvruchtigen dank te betuigen. (Regel, Hoofdst. 11, § 3 ; vgl. bladz. 94.)

4. Eiken avond moeten zij het gc-wetensonderzoek doen, of zij soms door gedachten, begeerten, werken en verzui-menissen, maar bijzonder in 't spreken eenigen misslag hebben begaan ; bevinden zij zich schuldig, dan moeten zij een berouw verwekken cn een krachtdadig voornemen maken, om zich met Gods hulp te verbeteren. (Regel, Hoofdst. II, ^ 10; vgl. bladz. 109, n. 12.)

II. Voor elke week.

1 Iet is loffelijk (niet geboden) des Vrijdags te vasten, en des Woensdags (ook des Zaterdags, in geval van dispensatie van de onthoudingswet op dien dag) zich van vleeschspijzen te onthouden, overeenkomstig de oude gewoonte dei-Tertiarissen. (Regel, Hoofdst. II, ^ 4; vgl. bladz. 96.)

III. Voor elke maand.

1. Elke maand moeten de Tertiarissen in de vereischte gesteltenis hunne zonden

ocr page 136

135

biechten, en met eene godvruchtige voorbereiding cn vurige dankzegging tot de H. Tafel naderen. (Regel, Iloofdst. II, § 5 ; vgl. bladz. 97, n. 6.)

2. Ook moeten zij in de maande-lijksche cn buitengewone vergaderingen te zamen komen, en, ieder volgens zijn vermogen, eene kleine aalmoes geven, waarvan de opbrengst zal dienen, om tic minder gegoede leden, vooral wanneer die ziek zijn, te ondersteunen, of om den luister van den godsdienst tc bevorderen. (Regel, Hoofdst. II, §§ 11 en 12; vgl. bladz. 110, n. 14 en bladz. 112.)

IV. In den loop des jaars.

1. De Tertiarissen moeten vasten daags voor het feest van Maria's Onbevlekte Ontvangenis en van onzen H. Vader Franciscus. (Regel, Iloofdst. II, § 4 ; vgl. bladz. 94, n. 5.)

2. De vermaningen en waarschuwingen, welke de visitator of directeur nuttig oordeelt in 't algemeen of in 't bijzonder te geven, zullen zij ootmoedig en met gewilligheid aannemen, en niet weigeren de straf of boete te volbrengen, welke

ocr page 137

136

li ij zal goedvinden hun op te leggen voor een of ander bedreven fout of overtreding van den Regel. (Regel, Hoofdst. III, § 2; vgl. bladz. 127, n. 6.)

3. Bij ziekte van een medelid zullen niet alleen de oversten maar ook de andere leden hem, met inachtneming cencr voorzichtige bescheidenheid, bezoeken, en zooveel mogelijk zorg dragen, dat den zieke de noodige hulp en verpleging niet ontbreke ; ingeval van stervensgevaar zullen zij, zoo noodig, tien zieke met liefdevolle voorzichtigheid, maar ook met christelijke vrijmoedigheid waarschuwen en aansporen, om intijds te zorgen voor de belangen der ziel. (Kegel, Hoofdst. II, ^ 13; vgl. bladz. 112, n. 15.)

4. Wanneer een medelid gestorven is, zullen dc Tertiarissen van de plaats en die daar tijdelijk verblijven zorg dragen bij de lijkplechtigheden tegenwoordig te zijn; zij zullen, gezamenlijk of afzonderlijk, tot rust der ziel een derde van den rozenkrans of een rozenhoedje bidden. Ook zullen de priesters in de h. mis ten minste een memento

ocr page 138

137

houden, en de leeken, indien zij kunnen, de II. Communie opdragen, om voor den overledene den eeuwigen vrede af te smeeken. (Regel, Hoofdst. II, §14; vyl. bladz. 114, n. 16.)

V. Voor altijd.

Onder deze klasse worden die vour-schriften gerangschikt, welke aan geen tijd of bijzondere omstandigheden verbonden zijn.

1. De leden moeten het klein scapulier met koord volgens gebruik dragen ; dragen zij het niet, dan worden ze niet deelachtig aan de verleende aflaten en voorrechten. (Regel, Hoofdst. k § 3 ; vgl. bladz. 79, n. 5.)

2. Zij moeten in geheel hunne levenswijze, inzonderheid in hunne kleeding alle weelde en overdreven opschik vermijden, en dien regel der middelmaat in acht nemen, welke ieder volgens zijn staat past. (Regel, Hoofdst. II, ^ 1 ; vgl. bladz. 89, n. 2.)

3. Zij moeten zich met de meeste omzichtigheid verwijderd houden van te vrijzinnige tooneelvoorstellingen, zooals

ocr page 139

over 't algemdeh zijn die, welke in open-bare schouwburgen gegeven worden ; ook moeten zij vermijden gevaarlijke of ongepaste vermakelijkheden of uitspanningen, zooals openbare dansgezelschappen en meer soortgelijke bijeenkomsten. (Regel, Hoofdst. II, §2; vgl.bladz. gi, n. 3.)

4. In spijs en drank moeten zij dlt;; matigheid onderhouden, zoodat zij daari niet de bevrediging der zinlijkheid, maai het levensonderhoud zoeken; vooral in het gebruik van sterke of bedwelmende dranken moeten zij zich zeer nauwe grenzen stellen. (Regel, Hoofdst. II, § 3; vgl. bladz. 92, n. 4.)

5. In den huiselijken omgang moeten zij zich beijveren, om het goed voorbeeld te geven van een waarlijk christelijk leven, overeenkomstig de voorschriften der geboden van God en van de II. Kerk en de plichten van den bijzonderen stand, dien zij in het huisgezin innemen ; de oefeningen van godsvrucht en de goede werken zullen zij door zedelijken en stof-felijken steun krachtdadig bevorderen. Boeken en nieuwsbladen of kranten.

ocr page 140

139

waaruit gevaar tc vreezen is voor het geloof of de goede zeden, mogen zij in hunne huizen niet toelaten; zij zeiven zullen ze niet lezen en daarenboven waken, dat ze niet gelezen worden door hunne kinderen of onderdanen. (Regel, I loofdst. II, § 8 ; vgl. bladz. 102, n. 9.)

6. Niet alleen onderling, maar ook 'ten opzichte van anderen moeten zij zorgvuldig eene welwillende liefde in acht nemen. Overal, waar zij kunnen, zullen zij als kinderen des vredes met liefdevolle zachtmoedigheid en wijze voorzichtigheid trachten oneenigheden bij te leggen. (Regel, Hoofdst. II, ^ g; vgl. bladz. 105, n. 10.)

7. Nooit mogen zij zonder ware noodzakelijkheid een eed doen; zij moeten zich zorgvuldig wachten van vloeken, lichtvaardig zweren, zich zeiven of anderen verwenschen; ook moeten zij naarstig bezorgd zijn hunne gewone gesprekken niet te ontsieren door zoogenaamde basterdvloeken of andere minder passende uitdrukkingen. Van onkuische of dubbelzinnige taal, onbetamelijke spotternij

ocr page 141

y /quot;■. ■ : ' '

•l 140

en bijtende schcrts zullen zij een grooten afkeer toonen. (Regel, lloofdst. II, § iü; vgl. bladz. 107, n. 11.)

8. Wie eenig vermogen bezit en daarover volgens de burgerlijke wetten kan beschikken zal intijds, d. i. zoodra er geen redelijke grond tot uitstel bestaat, een testament maken. (Regel, lloofdst. 11, ^ 7 ; vgl. bladz. 101, n. 8.)

ocr page 142

OVERZICHT

DICR

Aflaten, Voorrechten, en Gunsten

VERLEEN]) AAN DE

Franciscaansche Wereldlijke Derde Orde.

—^©sSKyr-quot; 1

Dc aflaten, voorrechten, cn gunsten, verleend aan dc Franciscaansche Wereldlijke Derde Orde, zijn bepaald dooide volgende concessies van den H. Stoel;c aflaten, voorrechten, cn gunsten, verleend aan dc Franciscaansche Wereldlijke Derde Orde, zijn bepaald dooide volgende concessies van den H. Stoel;

a) „Lijst der Aflaten en Voorrechtenquot;, toegevoegd aan de constitutie Misericors van 30 Mei 1883;

h) Apostolische breve van 7 September 1901 ;

c) Verschillende decreten, na bovenvermelde constitutie Misericors uitgevaardigd door dc H. Congregatie der Aflaten.

Naar deze authentieke bescheiden is opgemaakt het volgend Summarium (lijst), hetwelk door de Secretarie der Aflaten is

N. llandb. Deidc Orde. 10.

ocr page 143

142

goedgekeurd bij een decreet van 11 September 1901:

EERSTE HOOFDSTUK. VOLLE AFLAAT.

I. Aan alle Tertiarissen van beiderlei geslacht, na rouwmoedig gebiecht en gecommuniceerd te hebben :

*1°. Op den dag der intrede; (1)

*2°. „ „ „ „ professie;

*3°. Zoo dikwijls zij tot verbetering des levens geestelijke oefeningen gedurende acht opeenvolgende dagen houden;

4°. Den 16 April, verjaardag der professie des H. Franciscus, of, zoo zij wettig belet geweest zijn, op den eerstvolgenden Zondag, zoo zij de professie der Derde Orde hernieuwen.

II. Aan dezelfde Tertiarissen, zoo zij onder voorwaarden als boven (I) bidden volgens intentie van Zijne Heiligheid :

''i0. Tweemaal in het jaar, zoo zij den Pauselijken Zegen ontvangen;

Op de volgende dagen, wanneer zij

(1) De aflaten enz., aangeduid door dit teeken *, zijn verleend by de constitutie Misericors; de overige bjj do Apostolische breve van 7 September 1001.

ocr page 144

143

de [Generale] Absolutie of Zegen ontvangen, nam.

*2°. Op Kerstmis, Geboortefeest van O. H. Jezus Christus;

*3°. Op Paaschdag, Verrijzenis van O. H. Jezus Christus;

*4°. Op Pinksterdag;

*5°. Op het feest van het Allerh. Hart van Jezus;

*6°. Op het feest der Onbevlekte Ontvangenis van de H. M. Maria;

*7°. Op het feest van den H. Jozef (ig Maart);

:'80. Op het feest van de Indrukking der H. Wondteekenen van den H. Vader Franciscus (17 Sept.);

*9°. Op het feest van den H. Lodewijk, koning van Frankrijk, hemelschen Patroon der Derde Orde ^25 Aug.);

*io0. Op het feest der H. Elisabeth van Hongarije (19 Nov.).

III. Aan dezelfde Tertiarissen, indien zij onder voorwaarde als boven (I) eene kerk of openbare kapel godvruchtig bezoeken en eenigen tijd volgens intentie van den Paus bidden :

ocr page 145

144

*1°. Op den dag, dat zij de maandelijk-sche vergadering, of Conferentie, bijwonen;

*2°. Éénmaal in elke maand op een dag

naar verkiezing.

IV. Aan dezelfde Tertiarissen, die onder voorwaarden als boven (I) eene kerk, waaide zetel van het Genootschap is opgericht, godvruchtig bezoeken op de volgende feestdagen:

1. Allerh. Drievuldigheid;

2. Besnijdenis van O. H. Jezus Christus;

3. Driekoningen;

4. Hemelvaart van O. H. Jezus Christus;

5. Geboorte der H. Maagd Maria;

6. O. L. V. Lichtmis;

7. O. L. V. Boodschap;

8. O. L. V. Hemelvaart;

9. H. Aartsengel Michaël;

10. HH. Bewaarengelen;

11. H. Joannes Baptist;

12. HH. Apostelen Petrus en Paulus;

13. H. Odoricus, belijder, I Orde (14 Jan.);

14. HM. Berardus, Petrus en Gezellen,

eerste martelaren der Serafijnsche Orde (16 Jan.);

ocr page 146

145

15. H. Hyacintha dc Mariscottis, maagd,

III Orde (30 Jan.);

16. Z. Andreas de Comitibus, belijder, I

Orde (1 Febr.);

17. HH. Petrus Baptista en Gezellen,

martelaren van Japan, I en III Orde (5 Febr.);

18. H. Conradus a Plaeentia, belijder. Ill

Orde (19 Febr.);

19. H. Angela Mericia, maagd, III Orde

(21 Febr.);

20. H. Margarita van Cortona, III Orde

(22 of 23 Febr.);

21. II. Coleta, maagd, II Orde (6 Maart);

22. H. Catharina van Bologna, maagd, II

Orde (9 Maart);

23. M. Fidelis van Sigmaringen, martelaar,

I Orde (24 Apr.);

24. Z. Luchesius, eerste Tertiaris, die van

den H. Stichter zelf het kleed der Derde Orde ontving (28 of 15 Apr.);

25. H. Paschalis Baylon, belijder, lOrde

(17 Mei);

26. H. Ivo, belijder, III Orde (19 Mei);

27. H. Bernardinus van Senen, belijder, I

Orde (20 Mei);

ocr page 147

28. H. Ferdinandus, Koning, belijder, III

Orde (30 Mei);

29. H. Antonius van Padua, belijder, I

Orde (13 Juni);

30. H. Laurentius van I3rindisi, belijder,

I Orde (7 Juli);

31. H. Veronica de Julianis, maagd, II

Orde (9 Juli of 13 Sept.);

32. H. Elisabeth, Koningin van Portugal,

III Orde (8 Juli);

33. H. Bonaventura, Kerkleeraar, I Orde

(14 Juli);

34. H. Rochus, belijder, IIIOrdc(i6 Aug.);

35. H. Ludovieus, bisschop van Toulouse,

I Orde (19 Aug.);

36. H. Rosa van Viterbo, maagd, III Orde

(4 Sept.);

37. H. Josephus van Cupertino, belijder,

, I Orde (18 Sept.);

38. H. Elzearius, graaf van Ariano, be

lijder, III Orde (27 Sept.);

39. H. Maria Francisca van de Wonden

van O. H. Jezus Christus, maagd, III Orde (6 Oct.);

40. HH. Daniël en Gezellen, martelaren,

I Orde (13 Oct.);

ocr page 148

147

41. H. Petrus van Alcantara, belijder,

I Orde (19 Oct.);

42. Z. Delphina, maagd, III Orde (27 Nov.);

43. Alle Heiligen der drie Orden van den

H. Franciscus (29 Nov.);

V. Aan dezelfde Tertiarissen, die onder voorwaarden als boven (I) eene kerk, waarin de zetel van het Genootschap is opgericht, godvruchtig bezoeken en daar eenigen tijd godvruchtig bidden volgens intentie van den Paus:

*1°. Op den feestdag van den H. Vader

Franciscus (4 Oct.);

*2°. Op den feestdag van de H. Clara,

maagd, (12 Aug.);

*3°. Op den feestdag van den H. Patroon der kerk, waarin de zetel van het Genootschap is opgericht; 40. Zoo dikwijls zij van af de eerste vespers tot aan zonsondergang van den Tweeden Augustus op gelijke wijze eene kerk of ook eene kapel waarin de zetel is van het Genootschap, bezoeken. [Portiuncula: toties quoties.\

VI. Dezelfde Tertiarissen verdienen, door

ocr page 149

148

het bidden van vijfmaal het On;je Vader en Wees gegroet niet Glorie enz. voor het welzijn van het Christendom en éénmaal volgens intentie van den Paus, telkenmale al die aflaten, welke de geloovigen verdienen, die de staties van Rome, Portiuncula, de H. Plaatsen van Jerusalem, de Kerk van den H. Jacobus Apostel te Compostella bezoeken, met inachtneming der decreten van 7 Maart 1678 „Indulgentias veroquot;, 16 Febr. 1852 en 14 April 1856,

VIL Dezelfde Tertiarissen verdienen door het bidden Van den Franciscaanschen Rozenkrans, nam. van de zeven vreugden der H. Maagd Maria, en die bestaat uit 72 maal het Wees gegroet en 7 maal het Onze Vader, waarbij eenmaal het Onze Vader gevoegd wordt voor den Paus, den vollen aflaat, die aan dat gebed is verbonden voor de Serafijnsche Orde.

*VIII. Ten slotte een volle aflaat aan dezelfde Tertiarissen in het uur des doods, wanneer zij, na rouwmoedig gebiecht en gecommuniceerd te hebben of ten minste een volmaakt berouw hebbende, den Allerh. Naam van Jezus met den mond, zoo zij

ocr page 150

r4Sa

kunnen, of anders met het hart godvruchtig aanroepen.

TWEEDE HOOFDSTUK. STATIE-AFLATEN VAN HOME.

*Op de Statie-dagen in liet Romeinsch Missaal aangegeven verdienen dezelfde Tertiarissen, zoo zij eene kerk, waarin de zetel van het Genootschap is opgericht, bezoeken en daar volgens intentie van den Paus bidden, dezelfde aflaten, die zij op de voornoemde dagen zouden verdienen, zoo zij persoonlijk de kerken binnen of buiten Rome bezochten.

D E R D E H O O F D S T U K. GEDEELTELIJKE AFLATEN.

I. Een aflaat van zeven jaren en zeven quadragenen aan alle Tertiarissen van beiderlei geslacht, die eene kerk, waarin de zetel van het Genootschap is opgericht, godvruchtig bezoeken en volgens intentie van den Paus bidden:

*1°. Op den dag van de Indrukking der H. Wondteekenen;

ocr page 151

148b

*2°. Op den feestdag van den H. Lode-wijk, koning;

*3°. Op den feestdag van de H. Elisabeth van Hongarije;

*4°. Op den feestdag van de H. Margarita van Cortona;

*5. Op den feestdag van den H. Elisabeth Koningin van Portugal;

*6°. Op 12 andere dagen naar verkiezing, met goedvinden echter van een overste der Orde;

7°. Op het feest van O. L. V. Desponsatie;

8°. „ „ „ van O. L. V. Visitatie;

90. „ „ „ van O. L. V. Praesentatie;

100. „ „ „ van Kruisvinding;

110. „ „ „ van Kruisverheffing.

*11. Een aflaat van driehonderd dagen aan de Tertiarissen, zoo dikwijls zij de H. Mis en andere godsdienstige oefeningen of openbare of bijzondere vergaderingen van het Genootschap bijwonen; — aan behoeftigen gastvrijheid verleenen ; — twisten bijleggen of hiertoe bijdragen; — processies bijwonen; — het Allerh. Sacrament bij het rondbrengen of dragen vergezellen: of, zoo zij dit niet kunnen, bij het luiden

ocr page 152

148c

van dc klok [geluid van de schel] éénmaal het gebed des Heercn met dc groetenis des Engels bidden; •— vijfmaal het Onr;e Vader en Wees gegroet bidden om het christendom of de zielen der afgestorven Leden aan God aan te bevelen; — de dooden ter begrafenis vergezellen; — een afgedwaalde tot zijn plicht terugbrengen; —• iemand Gods geboden en wat verder noodzakelijk is ter zaligheid onderwijzen; — of eindelijk eenig werk van godsvrucht of liefde, welk ook, verrichten.

Alle bovenvermelde aflaten [zoowel volle-als gedeeltelijke] kunnen ook aan de afgestorven zielen des vagevuurs toegevoegd worden, met uitzondering echter van den vollen aflaat in het doodsuur. (Constit. Misericors, 30 Mei 1883; Breve 7 Sept. 1901.)

VIERDE HOOFDSTUK. VOORRECHTEN.

*1. De priesters der Derde Orde genieten het persoonlijke voorrecht van het Altare privilegiatuni op drie dagen van

ocr page 153

i4Sd

elke week, mits zij hetzelfde voorrecht voor een anderen dag niet verkregen hebben.

*2. Alle H. Missen, die tot lafenis van afgestorven Leden opgedragen worden, zijn altijd overal geprivilegieerd.

VIJFDE HOOFDSTUK. GUNSTEN.

1. Alle Tertiarissen, die wettig belet zijn naar de kerk te gaan om de Generale Absolutie te ontvangen op de bepaalde dagen, die geen feestdag zijn, kunnen haar ontvangen op een anderen geboden feestdag, die valt binnen het tijdsverloop van acht dagen ten opzichte van bovengenoemde dagen. — (Rescr. S. C. Indulg. 16 Jan. 1886).

2. De Tertiarissen kunnen de Generale Absolutie ontvangen daags vóór het feest, na volbrachte sacramenteele biecht. — (Deer. S. C. Indulg. 21 Juli 1888.)

3. De Tertiarissen, verblijvende in plaatsen, waar de Derde Orde niet is opgericht, kunnen in plaats van den pauselijken zegen

ocr page 154

148c

tweemaal 's jaars de Absolutie of den zegen met vollen aflaat verbonden ontvangen. — (Deer. S. C. Indulg. 31 Jan. 1893).

4. Wanneer Tertiarissen ziek of herstellend zijn en niet gevoegelijk buitenshuis kunnen gaan, verdienen zij door vijfmaal liet Onze ]rader met IVees gegroet en volgens de intentie van den Paus te bidden dezelfde aflaten als wanneer eene kerk der Orde of van het Genootschap door hen persoonlijk bezocht was. — (Breve 7 Sept. 1901).

5. Dezelfde Tertiarissen ziek of herstellend zijnde kunnen de Generale Absolutie en ook alle volle aflaten op bepaalde dagen verleend verdienen op welken dag ook, die valt binnen het tijdsverloop van acht dagen ten opzichte van het feest waaraan de Absolutie of volle aflaat verbonden is, met inachtneming echter der overige voorwaarden. — (Rescr. S. C. Indulg. 13 Aug. 1901).

6. Alle Tertiarissen kunnen de aflaten, zoowel die aan alle geloovigen, wanneer zij Franciskaner kerken bezoeken, verleend zijn, als die aan de Wereldlijke Derde Orde eigen zijn, verdienen onder voorwaar-

ocr page 155

149

de dat zij de parochie-kerk bezoeken, op al die plaatsen waar geen Franciskaner kerken, noch openbare kapellen der Wereldlijke Derde Orde, noch eenige andere kerk, waarin het Genootschap kanoniek is opgericht, bestaan. — (Deer. S. C. Indulg. 31 Jan. 1893).

I.

Aflaten, aan geen bepaalden dag verbonden.

Eiken dag.

1. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen, te verdienen door het bidden van den Franciskaanschen Rozen-krans (Summar. Hoofdst. I, VII). — Deze Rozenkrans bestaat uit zeven tientjes (met bijvoeging van tweemaal het Wees gegroet aan het laatste tientje), ter eere der zeven vreugden van de H. Maagd Maria, waarna éénmaal het Onze Vader en Wees gegroet voor Zijne Heiligheid; de zeven vreugden van Maria (de geheimenissen van dezen Rozenkrans) zijn: de boodschap des engels, de bezoeking aan Elizabeth, de geboorte

ocr page 156

, van Christus, de aanbidding der Wijzen,

de vinding van Christus in den tempel, de verrijzenis van Christus, de opneming van Maria in den hemel. — Deze aflaat is

}

persoonlijk, d. i. niet verbonden aan een stoffelijken rozenkrans, (zooals bij het gewone rozenkransgebed), maar uitsluitend aan de voorgeschreven gebeden, zoodat, om hem te verdienen, geen Rozenkrans noodig is, en deze, zoo hij gebruikt wordt, H niet behoefd gewijd te zijn; ook worden

biecht en communie niet vereischt. Gezegde aflaat kan meermalen daags verdiend e worden, (i)

2. De aflaten, waaraan degenen deel-achtig worden, die de statie-gebeden te .c Rome houden, of die Portiuncula, de hei-

lige plaatsen te Jeruzalem, de kerk van el den H. Apostel Jacobus te Compostella ;n bezoeken, te verdienen door het bidden

ia van zesmaal het Onze Vader en Wees lt;et gegroet met Eere zij den Vader, namelijk ;n vijfmaal voor het welzijn van het Chris-;rl tendom, en eenmaal tot intentie van den

Is, (1) Cfr. Colledio Indulgmtiarum____a P. Patro Mncclie-

giani a Monsana OrcJ-Min. etc. p. 017 § VI; Deer. Aulh. 'te 'S*. Congr. Tv duig, n. *112.

ocr page 157

i5i

Paus: deze aflaten zijn toevoeglijk aan de Geloovige Zielen; zij kunnen meermalen daags verdiend worden, met inachtneming der decreten van 7 Maart 1678 Jndulgentias veroquot;, 16 Vebr. 1852, en 14 April 1856; (1) biecht en communie worden nietvereischt.(2) {Summar. Hoofdst. I, VI).

3. Aflaat van driehonderd dagen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen, zoo dikwijls de Tertiarissen de H. Mis en andere godsdienstige oefeningen, of openbare of bijzondere vergaderingen van het Genootschap bijwonen ;'— aan behoeftigen gastvrijheid verleenen; — twisten bijleggen of hiertoe bijdragen ; — processies bijwonen ; — het Allerheiligste bij het rondbrengen vergezellen; of, zoo zij dit niet kunnen, bij het luiden van de klok [geluid van de schel] eenmaal het Onze Vader en Wees gegroet bidden; insgelijks zoo dikwijls zij vijfmaal het Onze Vader en Wees gegroet bidden, om het Christendom of de zielen

(1) Quonam sensn haoc decreta applicari debeant in casu dubitatuv. Cfr. Lehmkuhl Thool. Movalis lom. II m nota ad n. 561; Bevinger Die Ahlaesse (Zehnte Anflage)

' Cl)quot; CMV. cit. Collectio Tnduly. p. 048 art. I: Deer. Auth. ■S. t'. Indidg. n. 374.

ocr page 158

152

der afgestorven medeleden aan God aan te bevelen; — de dooden ter begrafenis vergezellen; — een afgedwaalde tot zijn plicht terugbrengen; — iemand Gods geboden en wat verder noodzakelijk is ter zaligheid onderwijzen; -—of eindelijk eenig werk van godsvrucht of liefde, welk ook, verrichten {Summar. Hoofdst. Ill, II).

Elke Week.

Voorrecht van het altare privilegiatum op drie dagen voor de priesters-Tertiaris-sen, mits zij hetzelfde voorrecht niet reeds voor een anderen dag verkregen hebben. Summar. Hoofst. IV, 1°).

Elke maand.

i. Volle aflaat, toevoegelijk aan de Ge-loovige Zielen, op den dag, dat de leden de maandelijksche vergadering bijwonen.

Voortvaar den : Biecht en communie, bezoek eener kerk of openbare kapel en eenig gebed tot intentie van den Paus. {Summar. Hoofdst. I, III, iquot;).

Opmerking. Deze aflaat is, onder de aangegeven voorwaarden, ook verbonden

aan het bijwonen der maandelijksche

N. Handb. Derde Orde. II.

ocr page 159

153

vergadering, wanneer de Tertiarissen te zaïnen komen zonder directeur, mits onder zijne uitdrukkelijke goedkeuring, en zij alsdan de gewone gebeden verrichten en in plaats van de conferentie of onderrichting eene geestelijke lezing houden (i).

2. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen, éénmaal te verdienen op een dag naar verkiezing. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek eener kerk of openbare kapel en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. I, III, 2quot;).

Elk jaar.

i. Volle aflaat, toevocglijk aan dc Geloovige Zielen, tweemaal bij het ontvangen van den pauselijken zegen. Voor-waardeu: Biecht en communie, en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. I, II, 1°).

Opmerking. De Tertiarissen, die wonen in plaatsen, waar geene Congregatie bestaat, kunnen in plaats van den pauselijken zegen,

(1) Declaratio S. C. Indulg. 30 Jan. 1896 ad VI; cïv. Directorium Tertii Ordivis saecularis S. P. Francisci etc., auctore Pf Petro Mocchegiani a Monsano p. 88 n. 87.

ocr page 160

154

tweemaal meer de generale absolutie of den zegen met vollen aflaat op een dag naar verkiezing van een biechtvader in den biechtstoel ontvangen {Stcmmar. Hoofdst. V, 3).

2. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen, op den feestdag van den I I. Patroon der kerk, waarin de congregatie der Tertiarissen is opgericht. Voorwaardeti: biecht en communie, bezoek der gezegde kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suntmar. Hoofdst. I, V, 30) (1).

3. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen, telkens bij het houdenv eener achtdaagsche geestelijke afzondering. Voorwaarden : Biecht en communie (Sum-utar. Hoofdst. I, I, 30).

4. Aflaat van zeven jaren en even zooveel quadragenen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen, op 12 dagen naar ieders verkiezing onder goedkeuring van den directeur der congregatie. Voorwaarden:

(1) Volgens Snmmar. Hoofdst. V, 6 zoude ik meenen fsalva iconen meliore), dat in plaatsen, waargeenecongregatie bestaat, deze aflaat door de Tertiarissen, onder de voorwaarden van biecht en communie, bezoek der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus, kan verdiend worden op den feestdag van den. H. Patroon 'Ier parochiekerk.

ocr page 161

I54a

Bezoek der kerk of kapel, waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk cn eenig gebed tot intentie van den Paus (Summar. Hoofdst. Ill, I, 6°; Hoofdst. V, 6).

5. Voorrecht van het altare privilegia-tmn, altijd en overal, voor alle HH. Missen, die tot lafenis van afgestorven Tertiarissen worden opgedragen (Smmnar. Hoofdst. IV, 2).

Eenmaal in 't leven.

1. Volle aflaat, toevoeglijk aan dc Gcloovige Zielen, op den dag der intrede in de Orde. Voonvaarden: Biccht en com-inunic (Siiintnar. Hoofdst. I, I, i0).

2. Volle aflaat, toevoeglijk aan dc Gcloovige Zielen, op den dag der professie. Voonvaarden: Biecht en communie {Sum-nuir. Hoofdst. I, I, 20).

3. Volle aflaat in het uur des doods. Voonvaarden: Biecht en communie, indien mogelijk, en aanroeping van den H. Naam van Jezus met den mond, of, zoo dit niet kan, met het hart {Smmnar. Hoofdst. I, VIII).

ocr page 162

'm

155 11.

Aflaten op bepaalde dagen.

Januari.

Besnijdenis des Heeren. Volle aflaat,

i.

toevocglijk aan dc

Gcloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suvnnar. Hoofdst. I, IV, 2 ; Hoofdst. V, 6).

Tevens statie-aflaat van dertig jaren en even zooveel quadragenen, tocvoeglijk aan dc Geloovige Zielen. Voortvaar den: Bev.oek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Snmniar. Hoofdst. II; Hoofdst. V, 6).

6. Driekoningen. Volle aflaat, tocvoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voortvaar den : Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Siininiar. Hoofdst. I, IV, 3 ; Hoofdst. V, 6).

ocr page 163

156

Tevens statie-aflaat van dertig jaren en even zooveel quadragenen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Suinmar. Hoofdst. II; Hoofdst. V, 6).

Tweede Zondag na Driekoningen. Allerheiligste Naam Jezus. Volle aflaat voor alle geloovigen in eenc kerk der Conventueclen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Smnmar. Hoofdst. V, 6).

14. Z. Bernardus van Corleone, belijder uit de Orde der Kapucijnen. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Kapucijnen, en, waar deze bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus [Snmviar. Hoofdst. V, 6).

ocr page 164

157

Z. Odoricus, belijder uit de Orde der

Minderbroeders. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den 1'aus {Sitinniar. Hoofdst. I, IV, 13 ; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventucelen, en, waar deze niet bestaat, tc verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk cn eenig gebed tot intentie van den Paus (Stumnar. Hoofdst. V, 6).

16. H. H. Berardus en gezellen, eerste martelaren uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat, toevoeglijk aan dc Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, dei-parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. I, IV, 14; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Con-

ocr page 165

158

ventueelen cn der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. V, 6).

23. Maria Verloving. Aflaat van zeven jaren en even zooveel quadragenen, toe-voeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden : Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. Ill, I, 7; Hoofdst. V, 6).

27. H. Angela Mericia, maagd uit de Derde Orde. Volle aflaat, te verdienen door de Tertiarissen in de Parochiekerk. Voorwaarden : Biecht en communie, bezoek der genoemde kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Summar. Hoofdst. V, 6). (1)

30. H. Hyacintha Mariscotti, maagd uit de Derde Orde. Volle aflaat, toevoeglij k

(]) Haec indulgentia concessa est ecclesiis Tertü Ordinis S. P. Francisci Regalaris Observantiae ; cfr. Summar Cap. V, C. Idem notandum de indulgentiis in Testis S. Joachim et S. Annae, de cjuibns infra.

ocr page 166

159

aan dc Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Simimar. Hoofdst. I, IV, 15; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders en der Conven-tueelcn, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Snmmar. Hoofdst. V, 6).

31. Z. Ludovica Albert oni, weduwe uit de Derde Orde. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorzvaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus [Sumviar. Hoofdst. V, 6).

Op Zondag Septuagesima: Statie-aflaat van dertig jaren en even zooveel quadragenen, toevoeglijk aan dc Geloovige Zielen. Voorwaarden: Bezoek der

ocr page 167

i6o

kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en ecnig gebed tot intentie van den Paus {Suinmar. Hoofdst. II; Hoofdst. V, 6).

Februari.

1. Z. Andreas Segni, belijder uit de Orde der Minderbroeders. Voile aflaat, toevoeglijk aan dc Geloovige Zielen. / oorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en ecnig gebed tot intentie van den Paus (Suuimar. Hoofdst. I, IV, 16; Hoofdst. V, 6).

levens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueclen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door dc Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden : Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suinmar. Hoofdst. V, 6).

2. Maria Lichtmis. Volle aflaat, toevoeg-lijk aan de Geloovige Zielen. / 'oorwaarden : Biecht en communie, bezoek der kerk

ocr page 168

- • ^ quot;n

i6i

waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. I, IV, 6 ; Hoofdst. V, 6).

3. Z. Viridiatia, maagd uit dc Derde Orde. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Smninar. Hoofdst. V, 6).

4. H. Joseph van Leonissa, belijder uit de Orde der Kapucijnen. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door dc Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden : Biecht en communie, bezoek dei-respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Stnuuiar. Hoofdst. V, 6).

5. H. H. Petrus Baptista en gezellen, martelaren uit de Orde der Minderbroeders en uit de Derde Orde. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen.

Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek

ocr page 169

102

d er kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerken eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. I, IV, 17; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle Efeloovie'en

O O

in eene kerk der Minderbroeders, der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen, dooide Tertiarissen in de parochiekerk. Voof-waarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Summar. Hoofdst. V, 6).

13. Z. Angela van Foligno, weduwe uit de Derde Orde. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voonvaarden : Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. V, 6).

18. Z. Ludovica Albertoni, weduwe uit de Derde Orde. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Fertiarissen in de parochiekerk.

ocr page 170

163

Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus [Snnnnar. Hoofdst. V, 6).

19. Z. Conradus van Piacenza, belijder uit de Derde Orde. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht eu communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus [Summar. Hoofdst. I, IV, 18; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in ecne kerk der Conventueelcn, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voortvaar den : Biecht en communie, bezoek dei-respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. V, 6).

21. H. Angela Mericia, maagd uit de Derde Orde. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. V, II, 19; Hoofdst. V, 6),

ocr page 171

164

22 of 23. H. Margarita van Cortona,

boetelinge uit de Derde Orde. Volle aflaat, tocvoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek dei-kerk waarin de congregatie, is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Snvimar. Hoofdst. I, IV, 20; Hoofdst. V,6).

Tevens aflaat van zeven jaren en even zooveel quadragenen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaar den: Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suinmar. Hoofdst. Ill, I, 4; Hoofdst. V, 6).

22. H. Margarita van Cortona, boetelinge uit de Derde Orde. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders en der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen dooide Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek dei-respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Snniinar. Hoofdst. V, 6).

23. H. Margarita van Cortona, boetelinge uit de Derde Orde. Volle aflaat

ocr page 172

voor alle geloovigcn in eene kerk der Kapucijnen, cn, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorzvaarden: Biecht cn communie, bezoek der respectieve kerk en ecnisr gebed tot intentie van den Paus {Surnmar. Hoofdst. V, 6).

Op de Zondagen Sexagesima cn Quinquagesima : Statie-aflaat van dertig jaren cn even zooveel quadra-genen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. — Op Asehdag: Statie-aflaat van vijftien jaren en even zooveel quadragenen, toevoeglijk aan Geloovige Zielen. — Op de volgende drie dagen : Statie-aflaat van tien jaren en even zooveel quadragenen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en ccnig gebed tot intentie van den Paus {Suminar. Hoofdst. II; Hoofdst. V, 6). iVlaart.

5. H. Joannes Joseph van het Kruis,

belijder uit de Orde der Minderbroeders.

ocr page 173

166

Volle aflaat voor alle geloovigen in ecnc kerk der Minderbroeders, der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Smnmar. Hoofdst. V, 6).

6. H. Coleta, maagd uit de Tweede Orde. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorzvaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Summar. Hoofdst. I, IV, 2 [; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden : Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Sunnnar. Hoofdst. V, 6).

g. H. Catharina van Bologna, maagd uit de Tweede Orde. Volle aflaat, toevoeglijk

ocr page 174

167

aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Snnimar. Hoofdst. I, IV, 22; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden : Biecht cn communie, bezoek der respectieve kerk cn eenig gebed tot intentie van den Paus {Suininar. Hoofdst. V, 6).

15. Z. Mattheus van Girgenti, bisschop en belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voonvaarden: Biecht cn communie, bezoek der respectieve kerk cn eenig gebed tot intentie van den Paus {Surnmar. Hoofdst. V, 6).

19. H. Joseph, bruidegom der H. Maagd N. Handb. Derde Orde. 13

ocr page 175

168

- ---- 1 1 quot;

Maria en patroon der Katholieke Kerk. Generale absolutie met vollen aflaat, toe-voeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie en eenig gebed tot intentie van den Paus [Suimnar. Iloofdst. I, 11, 7).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen, en, waar

X

deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voor-waarden: Biecht en communie, bezoek dei-respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Suinmar. Hoofdst. V, 6).

22. H. Benvenutus, bisschop en belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Summar. Hoofdst. V, 6).

24. Z. Didacus van Cadix, belijder uit de Orde der Kapucijnen. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen

ocr page 176

169

door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Summar. Hoofdst. V, 6).

25. Maria Boodschap. Volle aflaat, toe-voeglijk aan de Geloovige Zielen. Voor-waardeu: Biecht en communie, bezoek dei-kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. I, IV, 7; Hoofdst. V, 6).

30. Z. Angela van Foligno, weduwe uit dc Derde Orde. Volle aflaat voor alle ge-loovigen in eenc kerk der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door dc Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. V, 6).

Op den eersten, tweeden en derden Zondag van de Vasten: Statie-aflaat van tien jaren en even zooveel qua-dragenen, toevocglijk aan de Geloo-

ocr page 177

i7o

vige zielen. -—■ Op den vierden Zondag van de Vasten: Statie-aflaat van vijftien jaren en even zooveel quadragenen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen.— Op Passiezondag; Static-aflaat van tien jaren en even zooveel quadragenen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. — Op Palmzondag: Statie-aflaat van vijf en twintig jaren en even zooveel quadragenen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk cn eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. II ; Hoofdst. V, 6).

Op Witten Donderdag: Volle static-aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Summar. Hoofdst. II; Hoofdst. V, 6).

Op Goeden Vrijdag en Paaschzater-dag: Statie-aflaat van dertig jaren en

ocr page 178

i7i

even zooveel quadragenen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. — Op alle overige dagen van de Vasten: Statie-aflaat van tien jaren en even zooveel quadragenen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Sunimar. Hoofdst. II; Hoofdst. V, 6).

Op Paaschdag: Generale absolutie met vollen aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie en eenig gebed tot intentie van den Paus [Summar. Hoofdst.

i, n, 3).

Tevens volle statie-aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Sunimar. Hoofdst. II; Hoofdst. V, 6).

Op alle dagen van de Paaschweek

ocr page 179

en Beloken Paschen; Statie-aflaat van dertig jaren en even zooveel quadra-genen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. II; Hoofdst. V, 6).

April.

3. H. Benedictus van San Fratello, belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Sununar. Hoofdst. V, 6).

15 of 28. Z. Luchesius, belijder uit de Derde Orde. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze

ocr page 180

173

niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. I, IV, 24; Hoofdst. V, 6).

15. Z. Luchesius, belijder uit de Derde Orde. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventucelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den l'aus (Sumviar. Hoofdst. V, 6).

16. Verjaardag der professie van O. H. V. Franciscus. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen, te verdienen door de Tertiarissen, die op dezen dag, of, wanneer zij wettig belet zijn, op den eerstvolgenden Zondag, de professie hernieuwen. Voor-ivaarden: Biecht en communie [Suunnar. Hoofdst. I, I, 4).

20. Z. Aegidius van Assisië, belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventucelen, en, waar deze niet bestaat te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en

ocr page 181

174

ecnig gebed tot intentie van den Paus {Suimnar. Iloofdst. V, 6).

24. H. Fideiis van Sigmaringen, martelaar uit de Orde der Kapucijnen. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suimnar. Hoofdst. I, IV, 23; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelenen der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden : Biecht en communie, bezoek dei-respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Snvunar. Hoofdst. V, 6).

25. H. Marcus, evangelist. Statie-aflaat van dertig jaren en even zooveel quadra-genen, toevoegelijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden : Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. II; Hoofdst. V, 6).

, T . i quot;

I

i iS

ii i 1

B

m

• i

j.i

ocr page 182

i75

28. Z. Luchesius, belijder uit dc Derde Orde. Zie 15 April (Suimnar. Hoofdst. I, IV, 24).

H. Paulus van het Kruis, belijder. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk cn cenig gebed tot intentie van den Paus (Suminar. Hoofdst. V, 6).

Op den derden Zondag na Paschen. Bescherming van den H. Jozef. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de-Tertiarissen in de parochiekerk. Voor-zvaarden : Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en cenig gebed tot intentie van den Paus {Suminar. Hoofdst. V, 6).

Op de Kruisdagen: Statie-aflaat van dertig jaren en even zooveel quadra-genen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden : Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of.

ocr page 183

176

waar deze niet bestaat, der parochiekerk en ecnig gebed tot intentie van den Paus {Sumviar. Hoofdst. II; Hoofdst. V, 6).

Mei.

3. H. Kruisvinding. Aflaat van zeven jaren en even zooveel quadragenen, toe-vocglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: liezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk cn eenig gebed tot intentie van den Paus (Summar. Hoofdst. Ill, I, 10; Hoofdst. V, 6).

Z. Benedictus van Urbino, belijder uit dc Orde der Kapucijnen. Volle aflaat voor alle geloovigcn in eene kerk der Kapucijnen, cn, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in dc parochiekerk. Voorzvaarden: P)iecht cn communie, bezoek der respectieve kerk cn eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. V, 6).

13. H. Petrus Regalatus, belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat voor alle geloovigcn in eene kerk der Minder-

ocr page 184

T 77

broeders, der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door dé Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suminar. Hoofdst. V, 6).

17. H. Paschalis Baylon, belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat, toevoeglijk aan Geloovige Zielen, Voor-waarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suminar. Hoofdst. I, IV, 25 ; Hoofdst V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voor-zvaarden: Biecht en communie, bezoek dei-respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Stimtnar. Hoofdst. V, 6).

18. H. Felix van Cantalicio, belijder uit de Orde der Kapucijnen. Volle aflaat

ocr page 185

178

voor alle gcloovigcn in ccnc kerk der Con-ventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk cn eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. V, 6).

19. H. Ivo, belijder uit de Derde Orde. Volle aflaat, toevoeglijk aan dc Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biechten communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Summar. Hoofdst. I, IV, 26; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. V, 6).

20. H. Bernardinus van Siëna, belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voor-zuaardeu: Biecht en communie, bezoek der

ocr page 186

179

kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Suminar. Hoofdst. I, IV, 27; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Con-ventueelen en der Kapucijnen, en waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden : Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Smmnar. Hoofdst. V, 6).

22. Z. Humiliana, weduwe uit de Derde Orde. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus. {Suunnar. Hoofdst. V, 6).

23. Z. Crispinus van Viterbo, belijder uit de Orde der Kapucijnen. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk dei-Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden : Biecht en

ocr page 187

gt;- m'

SI 180I 180

communie, bezoek der respectieve kerk en cellij Eccbed tot intentie van den Paus {Snminar. Hoofdst. V, 6).

130. H. Ferdinandus, koning, belijder uit dc Derde Orde. Volle aflaat toevoeglijk aan dc Gcloovisfe zielen. Voorivaarden: J5iecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. I, IV, 28; Hoofdst. V, 6).

31. Z. Felix van Nicosië, belijder uit dc Orde der Kapucijnen. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorijaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Sitmmar. Hoofdst. V, 6).

Op Hemelvaartsdag: Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorivaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat,

si!

11'

ocr page 188

i8i

der parochiekerk en ceiiig gebed tot intentie van den Paus {Sununar. Hoofdst. I, IV, 4; Hoofdst. V, 6).

Tevens voile statie-aflaat, toevoegiijk aan de Geloovige Zielen. ]roorzvaardeii: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Sutmnar. Hoofdst, II; Hoofdst. V, 6).

Op de vigilie van Pinksteren: Statie-aflaat van tien jaren en even zooveel quadragenen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. II; Hoofdst. V, 6).

Op Pinksteren: Generale absolutie met vollen aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden : Biecht en communie en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suvnnar. Hoofdst.

i. n, 4).

ocr page 189

il ■ quot;82

Op Pinksteren cn op alle dagen van van de Pinksterweek: Statie-aflaat van dertig jaren en even zooveel quadra-genen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. It; Hoofdst. V, 6).

Op H. Drievuldigheid: Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. I, IV, i).

Juni.

Z. Andreas van Spello, belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Vooruaarden: Biecht cn

m

I

If

ocr page 190

I83

communie, bezoek der respectieve kerk cn cenicr s^ebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. V, 6).

13. H. Antonius van Padua, belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. I, IV, 29; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigcn in eene kerk der Minderbroeders, der Conventucelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voor-aar den: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. V, 6).

19. Z. Michelina, weduwe uit de Derde Orde. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Conventucelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de

Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaar-N. Handb. Derde Orde. 13.

T

ocr page 191

184

den: Biecht cn communie, bezoek der respectieve kerk cn cenig gebed tot intentie van den Paus {Siuninar. Hoofdst. V, 6).

20. Octaaf van den H. Antonius van Padua. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Convcntueelen. cn, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voor-zvaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Smnviar. Hoofdst.

V, 6).

24. H. Joannes Baptista. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden : Biecht en communie, bezoek der kerk waarin dc congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk cn eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. I, IV, 11 ; Hoofdst. V, 6).

29. HH. Apostelen Petrus en Paulus. Volle aflaat, toevoeglijk aan dc Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht cn communie, bezoek der kerk waarin dc congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, dei-parochiekerk en eenig gebed tot intentie

ocr page 192

I85

van den Ptius (Snuiuuir. Hoofdst. I, IV, 12; lloofdst. V, 6).

Op het feest van het Allerheiligste Hart van Jezus. Generale absolutie met vollen aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie en ecnig gebed tot intentie van den Paus (Sumniar. Hoofdst. I, II, 5).

Juli.

2. Maria Visitatie. Aflaat van zeven jaren en evcnzooveel quadragenen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voor-ivaarden: Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suinniar. Hoofdst. Ill, I, 8; Hoofdst. V, 6).

7. H. Laurentius van Brindisi, belijder uit de Orde der Kapucijnen. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voor-luaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den

ocr page 193

186

Paus {Suminar. Hoofdst. IV, 30; Iloofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in cene kerk der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voor-waarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Smnmar. Iloofdst. V, 6).

8. H. Elisabeth van Portugal, weduwe uit de Derde Orde. Volle aflaat, toevoeg-lijk aan de Geloovige Zielen. Voorzvaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst I, IV, 32; Iloofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in cene kerk der Convcntueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Vuor-luaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. V, 6).

Daarenboven aflaat van zeven jaren en

ocr page 194

187

even zooveel quadragenen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Siimmar. Hoofdst. Ill, I, 5 ; Hoofdst. V, 6).

9. HH. Nicolaus en gezellen, martelaren van Gorcum uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat voor alle geloovigen in cene kerk der Minderbroeders, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Vocr-zvaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Sumniar. Hoofdst. V, 6).

H. Veronica Giuliani, maagd uit de Tweede Orde. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventucelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Siinunar. Hoofdst. V, 6).

9 Juli of 13 September. H. Veronica

li

ocr page 195

188

f$T

il'B

Giuliani, maagd uit de Tweede Orde. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk, waarin de congregatie is opgericht, of, waar ,deze niet bestaat, dei-parochiekerk en cenig gebed tot intentie van den Paus (Simnnar. Hoofdst. I, IV, 31; Hoofdst. V, 6).

11. HH. Nicolaus en gezellen, martelaren van Gorcum uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en cenig gebed tot intentie van den Paus

([Sumiuar. Hoofdst. V, 6).

14. H. Bonaventura, bisschop en kardinaal, belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en ecnig gebed tot intentie van den Paus [Snnnnar.

lu.

II

ocr page 196

189

Hoofdst. I, IV, 33; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voor-uaarden; Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Siunmar. Hoofdst. V, 6).

15. Z. Angelina van Marsciano, weduwe uit de Derde Orde. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden : Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. V, 6).

24. H. Franciscus Solanus, belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Conventueelen en dei-Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en

ocr page 197

i go

communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Suminar. Hoofdst. V, 6).

26. H. Anna. Volle aflaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der genoemde kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suminar. Hoofdst. V, 6). (1)

Augustus.

2. Kerkwijding van de basiliek genaamd Maria der Engelen of Portiuncula. Op dezen dag is, door alle geloovigen in de Francisca-nerkerken, en door de Tertiarissen in de kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, in de parochiekerk, onder de gewone voorwaarden van biecht en communie, kerkbezoek en eenig gebed tot intentie van den Paus, te verdienen, de vermaarde aflaat van Portiuncula, eens voor zich zeiven, en voor de Geloovige Zielen zoo dikwijls men het kerkbezoek met eenig gebed als boven herhaalt {Summar. Hoofdst. I, V, 4;

(1) Cl'r. notata ad diem 27 Januarii.

ocr page 198

191

Hoofdst. V, 6). — Dc voorgeschreven biecht kan geschieden van af den 30'1Juli. (Rescriptum S. Congr. Indulg. d. d. 14 Julii 1894. Cfr. Nouv. Rcvi/c Theol. Tome XXVII (1894) p. 489).

4. H. Dominicus, belijder en stichter van de Orde der Predikheeren. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelcn, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Smmnar. Hoofdst. V, 6).

12. H. Clara, maagd en eerste abdis der Tweede Orde. Volle aflaat, toevoeglijk aan dc Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Summar. Hoofdst. I, V, 2; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door

ocr page 199

192

de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk cn cenig gebed tot intentie van den Paus (Snnunar. Hoofdst. V, 6).

15. Maria Hemelvaart. Volle aflaat, toe-gelijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suvimar. Hoofdst. I, IV, 8; Hoofdst. V, 6).

Op Zondag na Maria Hemelvaart. H. Joachim. Volle aflaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der genoemde kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Suvnnar. Hoofdst. V, 6). (1) ló. H. Rochus, belijder uit de Derde Orde. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze-niet bestaat, der parochiekerk cn eenig

(1) Cfr. notata ad diem 27 Januarii.

ocr page 200

193

gebed tot intentie van den Paus {Smmnar. Hoofdst. I, IV, 34; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in ecne kerk der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voor-waarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Summar. Hoofdst. V, 6).

18. H. Clara van Montefalco, maagduit de Derde Orde. Volle aflaat in eene kerk der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus [Summar. Hoofdst. V, 6).

19. H. Ludovicus, bisschop en belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voonvaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Sumiuar. Hoofdst. I, IV, 35; Hoofdst. V, 6),

ocr page 201

194

Tevens volle aflaat voor alle geloovlgen in eene kerk der Minderbroeders, der Con-ventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Sumniar. Hoofdst. V, 6).

25. H. Ludovicus, koning van Frankrijk, belijder en patroon der wereldlijke Derde Orde. Generale absolutie met vollen aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voor-■zvaarden: Biecht en communie en eenig gebed tot intentie van den Paus {Sum 1 nar. Hoofdst. I, II, 9).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. V oorwaar-den: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. V, 6).

Daarenboven een aflaat van zeven jaren en even zooveel quadragenen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden:

SSf II

I

; 11:

i 1

1

ocr page 202

195

Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Surnnuir. Hoofdst. 111,1,2; Iloofdst. V, 6).

September.

3. Z. Isabella, maagd uit de Tweede Orde. Volle aflaat voor alle geloovigen in cene kerk der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorzuaar-deii: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Suuimar. Hoofdst. V, 6).

4. H. Rosa van Viterbo, maagd uit de Tweede Orde. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorzvaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Stcmniar. Hoofdst. T, IV, 36; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen, in eene kerk der Minderbroeders, der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar

ocr page 203

19 5a

deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden : Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk cn eenig gebed tot intentie van den Paus (Summar. [foofdst. V, 6).

8. Maria Geboorte. Volle aflaat, toc-voeglijk aan de Geloovige Zielen. Voortvaar den: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk cn cenig gebed tot intentie van den Paus (Suvnnar. Hoofdst. I, IV, 5 ; Hoofdst. V, 6).

II. Z. Bernardas van Offida, belijder uit de Orde der Kapucijnen. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en com-munic, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Sun li nar. Hoofdst. V, 6).

13. H, Veronica Giuliani, maagd uit de Tweede Orde. — Zie g Juli {Stimmar. Hoofdst. I, IV, 31).

14. H. Kruisverheffing. Aflaat van zeven

ocr page 204

i95b

jaren en even zooveel quadragenen, toe-voeglijk aan de Geloovige Zielen. Voor-zvaarden: Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en cenig gebed tot intentie van den Paus {Suuunar. Hoofdst. Ill, I, li ; lloofdst. V, 6).

17. HH. Wondteekenen van den H. Vader Franciscus. Generale absolutie met vollen aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie en eenig gebed tot intentie van den Paus {Sunnnar. Hoofdst. I, II, 8).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Con-ventucelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voortvaar den: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Sinnmar. lloofdst. V, 6).

Daarenboven een aflaat van zeven jaren en even zooveel quadragenen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voortvaarden: Bezoek der kerk waarin de congregatie is

ocr page 205

195°

opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suvunar. Hoofdst. Ill, I, i ; Hoofdst. V, 6).

Krachtens een rescript van de H. Congregatie der Aflaten van 21 November 1885, voor altijd geldig, kunnen alle geloovigen, mits zij op vijf achtereenvolgende Zondagen eeni-gen tijd door godvruchtige overweging, mondgebed of andere godsdienstige oefening de heilige wondteckenen van den H. Vader Franciscus vereeren, eenmaal ieder jaar op eiken dier vijf Zondagen een vollen aflaat verdienen onder de gewone voorwaarden van biecht en communie, bezoek eener kerk of openbare kapel en eenig gebed tot intentie van den Paus. (1) 18. H. Josephus van Cupertino, belijder uit de Orde der Conventueelen. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der

(1) Vgl. Sint-Franciscus Jaarg. I, Waclz. 212.

ocr page 206

i95d

parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (STivunar. Hoofdst. I, IV . 37! Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voortvaar den: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. V, 6).

Op de quatertemperdagen na den 3n Zondag van September: Statie-aflaat van tien jaren en even zooveel quadragenen, toevoeglijk aan de Ge-loovige Zielen. Voonvaarden: Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. II; Hoofdst. V, 6). 24. H. Pacificus van San Severino, belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve N. Handb. Derde Orde. 13a

ocr page 207

195e

kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Snmmar. Hoofdst. V, 6).

25. H. Pacificus van San Severino, belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suminar. Hootdst. V, 6).

27. H. Elzearius, belijder uit de Derde Orde. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Ge-loovige Zielen. Voorwaar den: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suminar. Hoofdst. I, IV, 38; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. V oor-zuaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. V, 6).

29. H. Michaël, aartsengel. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voor-

IS

I

ocr page 208

i95f

waarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Suimnar. Hoofdst. I, IV, 9; Hoofdst. V, 6).

October.

2. HH. Engelen Bewaarders. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voor-ivaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Summar. Hoofdst. I, IV, 10; Hoofdst. V, 6).

4. H. Vader Franciscus. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden : Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suimnar. Hoofdst. I, V, 1 ; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Con-ventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voor-zvaarden: Biecht en communie, bezoek

ocr page 209

iQSg

der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Simimar. Hoofdst. V, 6).

Bij een rescript van de H. Congregatie der Aflaten van 18 September 1893 zijn opnieuw voor den tijd van 10 jaren de volgende aflaten verleend, welke door alle geloovigen kunnen verdiend worden;

Een volle aflaat op het feest van den H. Vader Franciscus of op een der onmiddellijk volgende zeven dagen, onder de voorwaarden van biecht en communie, bezoek eener kerk of openbare kapel en eenig gebed tot intentie van den Paus.

Een aflaat van driehonderd dagen, zoo dikwijls men de noveengebeden, of eene andere godvruchtige oefening in de maand October ter eere van den H. Vader Franciscus bijwoont.

5. Gedachtenis van alle overleden Medebroeders. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden : Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suimnar. Hoofdst. V, 6).

ocr page 210

I95h

6. H. Maria Francisca van de Vijf Wonden, maagd uit de Derde Orde. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorgaarden: Biecht en communie, bezoek

i der kerk waarin de congregatie is opge

richt, of, waar deze niet bestaat, der i parochiekerk en eenig gebed tot intentie

van den Paus (Suminar. Hoofdst. I, IV, 39; ! Hoofdst. V, 6).

r Tevens volle aflaat voor alle geloovigen

in eene kerk der Minderbroeders, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek dei-respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Sninmar. Hoofdst. V, 6).

7. H. Maria Francisca van de Vijf Wonden, maagd uit de Derde Orde. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suminar. Hoofdst. V, 6).

II. Octaaf van den H. Vader Franciscus. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen, en, waar deze

ocr page 211

i9Si

niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Vooruaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suuimar. Hoofdst. V, 6).

12. H. Seraphinus van Monte Granario, belijder uit de Orde der Kapucijnen. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden : Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Sitmuiar. Hoofdst. V, 6).

13. H. Daniël en Gezellen, martelaren uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek dei-kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Sinnmar. Hoofdst. I, IV, 40 ; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Vcorzuaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve

ocr page 212

I9SJ

kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Summar. Hoofdst. V, 6).

19 H. Petrus van Alcantara, belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. I, IV, 41 ; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voonvaar-den: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den den Paus {Summar. Hoofdst. V, 6).

23. H. Joannes van Capistrano, belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorgaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. V, 6).

ocr page 213

i9Sk

26. Z. Bonaventura van Potenza, belijder uit de Orde der Conventueelen. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voortvaar den: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Sunnnar. Hoofdst. V, 6).

30. Z. Angelus van Acrio, belijder uit de Orde der Kapucijnen. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk.

Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus [Summar. Hoofdst. V, 6).

31. Z. Thomas van Firenze, belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voortvaar den : Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. V, 6).

November.

12. H. Didacus, belijder uit de Orde

ocr page 214

1951

der Minderbroeders. Volle aflaat voor alle geloovigcn in eene kerk der Minderbroeders en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Siimmar. Hoofdst. V, 6).

13. H. Didacus, belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. V, 6).

16. H. Agnes van Assisi, maagd uit de Tweede Orde. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen inde parochiekerk. Voorwaarden : Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. V, 6).

19. H. Elisabeth van Hongarije, weduwe uit de Derde Orde. Generale absolutie met vollen aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige

ocr page 215

195m

Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, en eenig gebed tot intentie van den Paus (Smmnar. Hoofdst. I, II, 10).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Con-ventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Sinnmar. Hoofdst. V, 6).

Daarenboven een aflaat van zeven jaren en even zooveel quadragenen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Sumrnar. Hoofdst. Ill, I, 3; Hoofdst. V, 6).

21. Maria Praesentatie. Aflaat van zeven jaren en even zooveel quadragenen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden : Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Smutnar. Hoofdst. Ill, I, 9; Hoofdst. V, 6).

26. H. Leonardus van Porto Maurizio,

ocr page 216

19511

belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Sunwiar. Hoofdst. V, 6).

27. Z. Delphina, maagd uit de Derde Orde. Volle aflaat, toevoeglijk aan de Ge-loovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. I, IV, 42; Hoofdst. V, 6).

28. H. Jacobus van de Marken, belijder uit de Orde der Minderbroeders. Volie aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Conventueelen en dei-Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Smnviar. Hoofdst. V, 6).

29. Alle Heiligen der drie Orden van den H. Vader Franciscus. Volle aflaat, toe-

ocr page 217

i95o

voeglijk aan de Gdoovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Snimuar. Hoofdst. I, IV, 43 ; Hoofdst. V,6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Conventucelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. I oor-zvaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Smnuiar. Hoofdst. V, 6).

Op den eersten, tweeden en vierden Zondag van den Advent, alsmede op de Quatertemperdagen na den 3n Zondag van den Advent: Statie-aflaat van tien jaren en even zooveel qua-dragenen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Suminar. Hoofdst. II; Hoofdst. V, 6).

Op den derden Zondag van den Advent: Statie-aflaat van vijftien jaren

ocr page 218

I95P

en even zooveel quadragenen, toevoeg-lijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden : Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Sui/nnar. Hoofdst. II; Hoofdst. V, 6).

December.

5. Z. Delphina, maagd uit de Derde Orde. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorgaarden : Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Sumniar. Hoofdst. V, 6).

8. Onbevlekte Ontvangenis der H. Maagd Maria. Generale absolutie met vollen aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden : Biecht en communie en eenig gebed tot intentie van den Paus {Summar. Hoofdst. I, II, 6 ; Hoofdst. V, 6).

Tevens volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Minderbroeders, der Conventueelen en der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorwaar-

ocr page 219

i95q

den: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Suvirnar. Hoofdst. V, 6).

12. Vinding des lichaams van den H. Vader Franciscus. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voorvvaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Smninar. Hootdst. V, 6).

14. H. Josaphat, bisschop en martelaar. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Kapucijnen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. V oorwaar den: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suniviar. Hoofdst. V, 6).

15. Octaaf der Onbevlekte Ontvangenis van de H. Maagd Maria. Volle aflaat voor alle geloovigen in eene kerk der Conventueelen, en, waar deze niet bestaat, te verdienen door de Tertiarissen in de parochiekerk. Voortvaarden: Biecht en communie, bezoek der respectieve kerk en eenig gebed tot intentie van den Paus (Summar. Hoofdst. V, 6).

24. Vigilie van Kerstmis. Statie-aflaat

ocr page 220

I95r

van vijftien jaren en even zooveel qnadra-genen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorzvaarden: Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Suminar. Hoofdst. II; Hoofdst. V, 6).

25. Kerstmis. Generale absolutie met vollen aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Biecht en communie en eenig gebed tot intentie van den Paus {Sunimar. Hoofdst. I, II, 2).

Tevens volle statie-aflaat, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorzvaar-den: Biecht en communie, bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Sjiinmar. Hoofdst. II; Hoofdst. V, 6).

Daarenboven in de nachtmis en in de mis van den dageraad statie-aflaat van vijftien jaren en even zooveel quadragenen, toevoeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden: Het bijwonen der gezegde missen in de kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, in de parochiekerk en eenig gebed tot intentie van den Paus {Smnviar. Hoofdst. II; Hoofdst. V, 6).

ocr page 221

IF 196

26. H. Stephanus, 27. H. Joannes Evangelist en 28. HH. Onnoozele Kinderen. Op

elk dezer drie dagen statie-aflaat van dei tig jaren en even zooveel quadragenen, toe-voeglijk aan de Geloovige Zielen. Voorwaarden : Bezoek der kerk waarin de congregatie is opgericht, of, waar deze niet bestaat, der parochiekerk en eenig gebec tot intentie van den Paus (Smnmar. Hoofdsl II; Hoofdst. V, 6).

V erbetering.

Bladz. 163 laatste regel staat; Hoofdst. V, II, 19; dit moet zyn: Hoofdst. I, IV, 19.

Bladz. 18G eerste regel staat: Hoofdst. TV, 30; dit moet zyn: Hoofdst. I, IV, 30.

ocr page 222

Opmerkingen

aangaande de algemeene voorwaarden, om aflaten te verdienen.

I. De algemeene voorwaarden, om eenigen aflaat, hetzij vollen of gedeeltelijken, te verdienen, zijn :

1. De staat van genade : Om dan een aflaat voor zich zeiven (i) te verdienen, moet men in staat van genade zijn op het oogenblik dat de aflaat wordt toegepast. Is derhalve de aflaat verbonden aan een enkel werk, b.v. aan een gebed of een ander goed werk, dan moet dit in staat van genade verricht worden ; zijn echter meer werken voorgeschreven of een werk meermalen, dan moet ten minste het laatste dezer werken in staat van genade worden volbracht.

2. De meening, om den aflaat te winnen : Het is echter niet noodig, dat

(i) Uf men in staat van doodzonde een allaat kan verdienen voor de Geloovige Zielen, is twijfelachtig.

ocr page 223

198

men die meening uitdrukkelijk hcbbe bij het verrichten der voorgeschreven werken ; er wordt zelfs niet vereischt, dat men kennis drage van den verleenden aflaat; het is voldoende, dat men de algemeene meening hcbbe, om door zijne goede werken deelachtig te worden aan de aflaten, door de Kerk daaraan verbonden. „Vandaar is het een voortreffelijke raad, eiken morgen zijne meening te hernieuwen, om alle aflaten te verdienen, die in den loop van den dag verdiend kunnen worden.quot; (1) En daar zeer vele aflaten toevoeglijk zijn aan de Geloovige Zielen, „is het wederom zeer aanbevelenswaard cene tweede meening te maken, om ze namelijk tot hare lafenis te bestemmen. Deze toepassing kan slaan, of op ccne enkele, of op meerdere bepaalde, of kan in het algemeen tot alle zielen in het vagevuur worden uitgestrekt.quot; (ij

3. De verrichting van het werk of de werken door de Kerk voorgeschreven :

(1) Raccolta of Verzameling van gebeden en godvruchtige werken, aan welke de Pausen aflaten hebben verbonden,

ocr page 224

199

„Alle de opgelegde werken [moeten] persoonlijk en godvruchtig worden volbracht, zoowel wat den tijd, als wat wijze en doel enz. betreft, overeenkomstig hetgeen staat uitgedrukt in de vergunning der aflaten. Zoo nu een der voorgeschreven werken, of in zijn geheel, of in een belangrijk onderdeel, 't zij door onkunde, 't zij door nalatigheid, 't zij door onmacht wordt achterwege gelaten; zoo eene der voorwaarden van tijd, plaats enz., om welke reden dan ook voorgeschreven, niet wordt onderhouden, wordt, het geval van eene wettige wisseling uitgezonderd, die aflaat niet verdiend.quot; (i)

De aflaten, aan gebeden verbonden, kunnen worden verdiend, onverschillig in welke taal deze gebeden worden verricht, mits de vertalingen getrouw zijn. De gebeden, welke volgens gebruik beurtelings worden verricht, zooals de Rozenkrans, de Litanieën enz., mogen ook tot het verdienen van aflaten op die wijze met anderen worden gebeden.

(t) Raccolta, enz.

ocr page 225

200

11. Tot het verdienen van een vollen aflaat worden gewoonlijk voorgeschreven :

i. Biecht en communie: Beide worden vereischt, wanneer in de vergunningsbrieven gezegd wordt: „die, na gebiecht en gecommuniceerd te hebben enz.quot; Deze woorden moeten echter niet zoo verstaan worden, alsof het noodig ware te biechten en te communiceeren, alvorens de overige voorgeschreven werken te verrichten. Alhoewel de voorgeschreven werken moeten vervuld worden binnen den tijd tot het verdienen van den aflaat bepaald, kan echter zoowel de enkele biecht als de biecht met de communie ook geschieden op den dag, onmiddellijk voorafgaande aan dien, waarop de aflaat is vergund.

De voorgeschreven biecht moet geschieden ook door hen, die zich geene doodzonde bewust zijn ; het is echter niet vereischt, dat dezen de absolutie ontvangen. Zij, die de godvruchtige gewoonte hebben, om, wanneer zij niet door eenig wettig beletsel verhinderd zijn, ten minste eens in de week te biechten PO sinds de laafsfe biecht zich niet c^at)

ocr page 226

2or

doodzonde hebben schuldig gemaakt, volstaan niet die wekelijksche biecht voor alle aflaten, met uitzondering nochtans van den aflaat van het jubile (hetzij gewoon of buitengewoon), of in den vorm van het jubilé, in welk geval de wekelijksche biecht niet voldoende is.

Door eenzelfde communie kan men op denzelfden dag meerdere volle aflaten verdienen, al is ook voor eiken dezer de communie voorgeschreven, mits alle andere voorgeschreven werken volbracht, of wanneer deze dezelfde zijn, zoo dikwijls herhaald worden als men aflaten kan en wil verdienen. Ook kan men door de communie in den paaschtijd en voldoen aan het gebod der H. Kerk, èn een of meer volle aflaten, op dien dag vallende, (behalve den aflaat van het jubile) verdienen. Wanneer een aflaat aan eene bepaalde kerk is verbonden, is het daarom geen vereischte, om in die kerk te com-municeeren, tenzij dit uitdrukkelijk wordt voorgeschreven.

2. Kerkbezoek : Hierdoor wordt verstaan „het betreden eener heilige plaats.

ocr page 227

202

uit beweegredenen van geloof en godsdienst, met de meening daar God te vereeren, hetzij in Hem zeiven, hetzij in een zijner heiligen.quot; (i) Wordt voor het voorgeschreven bezoek eene kerk bepaald aangewezen, b.v. de kerk of kapel, waarin de congregatie der Tertiarissen is opgelicht, dan moet dat bezoek noodzakelijk in die kerk geschieden, anders kan het gedaan worden in iedere kerk of openbare kapel, d. i. eene kapel met publieken toegang, zoodat het den geloovige vrijstaat, om daar, evenals in eene kerk, binnen te treden. Het kerkbezoek moet geschieden binnen den tijd tot het verdienen van den aflaat vastgesteld. Om meerdere volle aflaten te verdienen, die voor een zelfden dag verleend zijn en waarvoor, ieder afzonderlijk, het kerkbezoek vereischte is, „is het noodig, dat men zoovele bezoeken aflegt, als men aflaten wenscht te verdienen ; daarbij is het noodig, dat men na ieder bezoek de kerk verlaat, om er daarna opnieuw binnen te treden.quot; (2)

(1) Raccolta enz.

(3) Decreet van den 2911 Februari 1864.

ocr page 228

203

Opmerking. Krachtens een decreet van den 18quot; September 1862 kan voor de ge-loovigen, welke door eene sleepende ziekte, eene voortdurende kwaal, of een blijvend physiek beletsel verhinderd zijn hun huis te verlaten, de voorgeschreven communie en het voorgeschreven kerkbezoek veranderd worden in eenig ander godvruchtig werk, door hun eigen biechtvader op te leggen ; deze verandering kan geschieden betrekkelijk die aflaten, welke zij in hunne woonplaats kunnen verdienen.

3. Godvruchtig gebed: Dit gebed moet worden verricht tot de voorgeschreven intentie ; het is echter niet noodig deze intentie uitdrukkelijk te maken, men behoeft ze zelfs niet eens te kennen, het is voldoende, dat het gebed worde verricht in 't algemeen tot die intentie, welke de Paus voorschrijft. Indien er geen bepaald gebed is aangewezen, blijft het overgelaten aan ieders keuze, mits het niet reeds om een andere reden verplichtend is; naar het algemeen gevoelen volstaat men met vijfmaal Onze

ocr page 229

204

Vader, Wees gegroet en Eerc zij den Vader te bidden. Wanneer het kerkbezoek vereischte is, moet het voorgeschreven gebed daar worden verricht, waar het bezoek volgens voorschrift moet geschieden.

ocr page 230

INHOUD.

Bladz.

Voorwoord......... 5

Encycliek van Z. H. Paus Leo XIII over den H. Franciscus van Assisic en de verspreiding van de Derde Orde...... 7

Apostolische Constitutie over den Regel der Wereldlijke Derde Orde der Franciscanen .... 30 Regel der Wereldlijke Derde Orde . 3^ Lijst der Aflaten en Voorrechten . . 46

Wezen, Leiding en Inrichting van de Wereldlijke Derde Orde . . 54

Regel, Statuten en Verordeningen van de Wereldlijke Derde Orde 67

Over de Aanneming, den Proeftijd en

de Professie......... 69

Over de Wijze van leven..... 88

Over de Bedieningen, de Visitatie en

den Regel zei ven....... 116

ocr page 231

2o8

Bladz.

Kort Begrip van cle Verplichtingen

der Tertiarissen......133

Overzicht der Aflaten cn Voorrechten .........141

Aflaten aan geen bepaalden dag verbonden........... 149

Aflaten op bepaalde dagen .... 155

Opmerkingen aangaande de alge-meene voorwaarden, om aflaten te verdienen.......197

ocr page 232
ocr page 233
ocr page 234
ocr page 235

quot;r—' ■ -5T

- ■

ocr page 236
ocr page 237