|
| Plaatselijk Reglement | ||
|
? VOOR DE | ||
|
HERVOMDE GEMEENTE | ||
|
TE KAMPEN, ) s gt; | ||
|
; } ^ TER UITVOERING VAN | ||
|
Art. 3 van het Synodaal Reglement | ||
|
gt; \ ) OP DE ' | ||
|
⦠i; *; ! |
lt; benoeming van Ouderlingen en Diakenen | | en de beroeping van Predikanten. | |
|
BENEVENS ; het PROYIHCIAAL. Reglement voor -: de Kerkeraden, en het HUISHOUDELIJK : ; Reglement voor den Kerkeraad der ; ; Herv. Gemeente te Kampen. s ) ⢠i lt; â ^ gt; ' J 1 1 gt; ; ^ ^ ; STOOMDRUK â LAURENS VAN HULST â KAMPEN. \ 1 8 8 8. | ||
a/(
PLAATSELIJK RE(
BIBLIOTHEEK '
HERVORMDE GÃlÃÃIilÃ!
TE KAMPEiV,
ter uitvoering van Art, 3 van het Synodaal Reglement
BENOEMING VAN OUDERLINGEN EN DIAKENEN EN DE BEROEPING VAN PREDIKANTEN.
Art. 1. De benoeming van ouderlingen en diakenen en de beroeping van predikanten geschiedt bij de Hervormde Gemeente te Kampen, tot 31 October 1891, door een Kiescollegie, bestaande uit de gezamenlijke leden van den Algemeenen Kerkeraad en uit tweemaal zoo vele ge-maclitigden, te benoemen door en uit de stemgerechtigden.
Art. 2. Stemgerechtigde leden der Gemeente zijn alle manslidmaten onder haar ressort, die den ouderdom van 23 jaren bereikt hebben en ten minste één jaar geleden bij den Kerkeraad geloofsbelijdenis hebben afgelegd of op ingediende attestatie of bewijs van lidmaatschap als lid-
*) Het eerste Reglement is van 1871. â Een tweede herzien Reglement is van 1876, â Dit is dus het derde.
-S , OL. .
3M- 3 'H o
2
maten der Gemeente erkend zijn, naar uitwijzing van de stemlijst.
Art. 3. Van de stemgerechtigde leden der Gemeente wordt door den Kerkeraad eene lijst gekouden, die jaarlijks vóór of op 15 Augustus wordt herzien, en aangevuld met allen, die op 1 October stemgerechtigd zullen zijn.
Na kennisgeving aan de Gemeente, zal deze lijst, in de tweede helft van Augustus, gedurende acht dagen, van 's middags 12 tot 's namiddags 1 ure, voor de Gemeente ter inzage liggen.
Abt. 4. Elk stemgerechtigd lid der Gemeente is bevoegd, uiterlijk binnen drie dagen na den laatsten dag, waarop de lijst ter inzage heeft gelegen, bij onderteekenden brief bezwaren tegen die lijst in te dienen bij een' der predikanten.
De Kerkeraad beoordeelt deze bezwaren en beslist daarover, behoudens recht op hooger beroep.
In de week van den eersten tot den achtsten van de maand October wordt de lijst voor goed vastgesteld.
Akt. 5. Jaarlijks in October heeft de verkiezing plaats van gemachtigden, ter vervulling der door periodieke aftreding aanstaande, of der tusschentijds ontstane vacaturen. Tusschentijds openvallende plaatsen van gemachtigden worden alleen dan vóór den tijd der jaarlijksche verkiezing vervuld, wanneer, bij eene aanstaande beroeping van een predikant, vijf of meer plaatsen van gemachtigden vacant zijn.
Wanneer de aanvulling van het Kiescollegie zou moeten plaats hebben, als er reeds een zes- of drietal gemaakt is, wordt met die aanvulling gewacht, tot dat er een beroep uit dat zes- of drietal gedaan is.
Art. 6. Van elke aanstaande stemming wordt bij de
3
openbare godsdienstoefeningen op den Zondag aan die stemming voorafgaande, aan de Gemeente kennis gegeven.
Art. 7. Minstens zes dagen vóór den dag der stemming, en bij herstemming minstens drie dagen, wordt van wege den Kerkeraad aan eiken stemgerechtigde een stembrierje bezorgd, vermeldende doel, tijd en plaats dei-stemming en bet getal der te verkiezen personen.
Op het Predikbeurtenbriefje, dat uitkomt op den Saterdag vóór de stemming, worden de namen der aftredende leden bekend gemaakt.
Abt. 8. De stemming geschiedt ter plaatse door den Kerkeraad aangewezen, alwaar het stembureau zitting
houdt van 's morgens 9 tot 's namiddags 3 uren.
f K*-ej s hJ U-^z/ iS
Abt. 9. Dit stembureau bestaat uit een voorzitter en minstens twee leden, daartoe door den Algemeenen Kerkeraad uit zijn midden te benoemen.
Abt. 10. Op de tafel, bij de stembus, zullen liggen een exemplaar van het Synodaal Reglement op de benoeming van ouderlingen en diakenen en de beroeping van predikanten, een exemplaar van dii Reglement en de lijst der stemgerechtigden.
Abt. 11. De stembriefjes worden verzameld in eene daartoe bestemde gesloten bus, waarin ieder, die aan de stemming deelneemt, verplicht is in persoon zijn brielje te werpen.
Abt. 12. Twee leden van het stembureau teekenen de namen op van ieder, die van zijn stemrecht gebruik maakt. Zij onderteekenen met den voorzitter de door hen gehouden lijsten.
Het stembureau is bevoegd, zulke bewijzen voor de
4
identiteit van een' ter stembus komende te vorderen, als liet noodig zal oordeelen, en ziet toe, dat door ieder stemgerechtigde slechts één brielje in de bus wordt geworpen.
Als het stembureau niet overtuigd is, dat iemand de stemgerechtigde is, dien hij voorgeeft te zijn, laat het hem tot de stemming niet toe.
Aet. 13. Na de in art. 8 voor de stemming aangewezen tijd worden geen stembriefjes meer in de bus gestoken dan van die stemgerechtigden, die op dien oogen-blik in het vertrek reeds mochten aanwezig zijn.
De stembus wordt daarop in tegenwoordigheid der stemgerechtigden zóó gesloten, dat geene stembriefjes daaruit genomen of daarin gestoken kunnen worden, en daarna verzegeld met de zegels van drie leden van het stembureau.
Vervolgens wordt zij in de kerkeraadskast gesloten, en worden de sleutels dier kast door den voorzitter bewaard.
Na afloop hiervan wordt van de inlevering der stembriefjes proces-verbaal opgemaakt, ingericht volgens achter dit reglement gevoegd Model A, en onderteekend door de leden van het stembureau.
Aet. 14. Op den dag na de stemming, des voormiddags te 10 uren, wordt de stembus door het stembureau in het openbaar geopend; de stembriefjes worden geteld en hun getal vergeleken met het getal personen, die hebben gestemd. Bij herstemming en ook bij vervulling van buitengewone vacatures heeft de Kerkeraad het recht te bepalen dat de stembus terstond na afloop der stemming wordt geopend.
Art. 15. In 't werk van de opening der stembrieljes
5
wordt het stembureau bijgestaan door cm è, drie hulp-bureaux, elk bestaande uit een' voorzitter en twee leden, door den Kerkeraad uit zijn midden te benoemen.
Art. 16. Na afloop van liet in art. 14 bedoelde werk wordt door het stembureau aan elk hulpbureau, met de noodige voorzorgen tegen het verloren gaan van eenig stembriefje, overhandigd een gelijk getal stembriefjes, als 't stembureau zelf ter opening behoudt.
Daarna gaan de bureaux tot het openen der stembriefjes over, op de plaatsen door den Kerkeraad aangewezen.
Deze opening geschiedt in 't openbaar.
Art. 17. De op de stembriefjes voorkomende namen worden in elk bureau door éen der leden voorgelezen, en door de twee overige leden opgeteekend.
Art. 18. Geen bureau is verplicht langer dan 6 uren op één dag met het werk der stemopneming bezig te zijn.
Telken dage, zoolang dit werk niet is ten einde gebracht, wordt het des voormiddags te 10 uren weder in 't openbaar voortgezet.
Art. 19. Elk bureaii houdt, bij de opening der stembriefjes, iederen dag aanteekening van het getal geopende en nog te openen, alsmede van 't getal, der geldige en van onwaarde verklaarde stembriefjes; daarna worden al deze briefjes in een, met de zegels van drie leden van het stembureau voorzien pakket in de kerkeraads-kast gesloten door den voorzitter van het stembureau, die den sleutel dier kast in bewaring neemt.
Art. 20. Van onwaarde zijn die stembriefjes, die niet door den Kerkeraad zijn uitgereikt, â die onderteekend zijn, â die geen enkel persoon duidelijk aanwijzen, â die niet zijn ingevuld, â die andere stembriefjes omvat-
6
ten, of daaraan opzettelijk zijn vastgeteoht, â en zulke, die iets meer of anders bevatten dan namen van personen.
Aet. 21. De op een stembriefje voorkomende naam of namen, die onleesbaar zijn, â die geen persoon duidelijk aanwijzen, â die na een eerste maal nogmaals voorkomen, â en zulke, die een' persoon aanwijzen, die op den dag der stemming niet verkiesbaar is, worden beschouwd als niet geschrevm.
Aet. 22. De briefjes, die meer of minder namen inhouden dan er personen te kiezen zijn, gelden.
De na 't vereischte getal op een brielje vermelde namen komen niet in aanmerking.
Aet. 23. Elk bureau beslist, voor zoover de hem toevertrouwde briefjes aangaat, over de waarde van briefjes en namen.
Aet. 24. Terstond na den geheelen afloop van de opening der stembriefjes worden door bet stembureau opgemaakt het gansche getal der geldige en dat der van onwaarde verklaarde stembriefjes, â het getal der volstrekte meerderheid, en dat der op ieder persoon uitgebrachte stemmen.
Aet. 25. Eene verkregen meerderheid geldt niet, wanneer daarop van invloed heeft kunnen zijn een verschil tusschen het getal stembriefjes in de bus en het getal personen, die hebben gestemd.
Aet. 26. De voorzitter van het stembureau, deelt terstond nadat het in Art. 24 bedoelde werk is verricht, den uitslag der stemming aan de aanwezigen mede, en sluit dan de zitting voor 't publiek.
Binnen 24 uren daarna wordt het proces-verbaal van dien uitslag, volgens Model B, opgemaakt, door het stem-
7
bureau geteekend, en met den sleutel der kerkeraadskast (waarin de stembriefjes en de lijst der stemgerechtigden gesloten zijn) aan den voorzitter van den Kerkeraad gezonden.
De geldige en de van onwaarde verklaarde stembrieijes worden door den Kerkeraad in een pakket verzegeld op de wijze bij art. 13 vermeld, bij 't proces-verbaal gevoegd en gedurende minstens één jaar in zijn archief bewaard.
Art. 27. Bij eene eerste stemming wordt niemand benoemd dan bij volstrekte meerderheid van stemmen.
Wanneer bij eene eerste stemming meer personen, dan er moesten worden gekozen, de volstrekte meerderheid hebben verkregen, worden alleen zij, die de meeste stemmen hebben, geacht benoemd te zijn.
Bij herstemming, noodzakelijk wanneer bij de eerste stemming geen voldoend aantal personen de volstrekte meerderheid heeft bekomen, wordt men benoemd met de meeste stemmen.
Bij gelijkheid van stemmen beslist het lot.
Art. 28. Wanneer eene eerste stemming geene volstrekte meerderheid heeft opgeleverd voor de vereischte benoemingen, maakt het stembureau dadelijk eene lijst op, die tweemaal zooveel namen bevat als er nog personen te benoemen zijn. Op deze lijst worden zij gebracht, die bij de eerste stemming na de gekozenen de meeste stemmen hebben verkregen.
Heeft bij die stemming meer dan het dubbel aantal der nog te verkiezen personen een gelijk aantal stemmen op zich vereenigd, dan worden deze allen op de lijst gebracht.
Van de in dit artikel bedoelde lijst wordt een afdruk geplaatst aan den voet van elk stembriefje dat voor de herstemming wordt uitgereikt.
De stemming over de personen, die op deze lijst zijn vermeld, geschiedt binnen 14 dagen na den dag der zitting, bedoeld in Art. 26.
Art. 29. Het bestuur van den Kerkeraad geeft na afloop der stemming, zoo spoedig mogelijk, aan de gekozenen bericht van hunne verkiezing, volgens Model O, tegen bewijs van ontvangst, volgens Model D.
De gekozene ontvangt daarbij een gedrukt formulier, volgens model E.
Indien dit niet binnen drie dagen na den datum der ontvangst ingevuld en onderteekend bij den voorzitter van den Kerkeraad is terugbezorgd, wordt de gekozene geoordeeld te hebben bedankt, tenzij het blijke, dat het hem onmogelijk was, binnen dien tijd te antwoorden; dit laatste ter beoordeeling van den Kerkeraad.
Art. 30. Wanneer drie of meer gekozenen bedanken, geschiedt er binnen drie weken, eene geheel nieuwe stemming ter aanvulling van 't vereischte getal, tenzij oj bij de eerste stemming, oj bij de herstemming meer dan het vereischte getal personen de volstrekte meerderheid hebben verkregen.
In dit geval treden deze, in afdalende orde van het getal der stemmen, die op hen waren uitgebracht, op in de plaats der personen, die hebben bedankt.
Aet. 31. Bij de verkiezing, bedoeld in de 2e alinea van Art. 5, worden zij, die van de gekozenen de meeste stemmen op zich vereenigden, geacht benoemd te zijn ter vervulling van de vacaturen door de â periodielce aftreding ontstaan, â de volgenden, ter voorziening in iusschentijds
9
opengevallen plaatsen, in afdalende orde van duur en zitting.
Aet. 32. Op den eersten Zondag na den geheelen afloop een er verkiezing wordt de uitslag daarvan, door middel van 't Predikbeurtenbriefje, aan de Gemeente bekend gemaakt. Bezwaren of protesten, moeten om in aanmerking te komen, vóór Dinsdag daaraanvolgende, bij den voorzitter van den Kerkeraad zijn ingediend.
Aet. 33. Van de gemachtigden treedt jaarlijks op 15 November een vierde gedeelte af volgens een rooster, door het lot vastgesteld in eene vergadering van den Kerkeraad, zoo spoedig mogelijk nadat het Kiescollege volledig is.
Indien 't verkiezingswerk op 15 November nog niet is afgeloopen, blijven de leden, die moeten aftreden, in dienst tot aan den geheelen afloop daarvan.
Aet. 34. De aftredende gemachtigden zijn terstond herkiesbaar.
Zij, die benoemd zijn ter vervulling van tusschentijds ontstane vacaturen, treden op voor den duur van zitting van de leden, die zij vervangen.
Aet. 85. Het bestuur van den Algemeenen Kerkeraad treedt ook als zoodanig op in de vergaderingen van 't Kiescollegie.
Aet. 36. De voorzitter opent en sluit de vergaderingen met gebed.
De scriba houdt aanteekening van 't geen wordt verricht. In elke vergadering worden de' notulen der vorige
10
gelezen en, na goedkeuring, door den voorzitter en den scriba geteekend.
Abt. 37. In de vergaderingen van 't Kiescollegie, zullen, benevens dit Plaatselijk Keglement, de kerkelijke Eeglementen ter tafel zijn.
Aet. 38. De werkzaamheden van 't Kiescollegie zijn geene andere dan de benoeming van ouderlingen, diakenen en predikanten.
Aet. 39. De gewone jaarlijksche vergadering van het Kiescollegie, ter benoeming van ouderlingen en diakenen, wordt gehouden in de tweede helft der maand November.
Buitengewone vergaderingen worden gehouden zoo dikwijls als dit noodig is.
Abt. 40. De oproeping tot de vergaderingen geschiedt door den voorzitter des Kerkeraads.
Deze doet daartoe minstens drie dagen vóór de vergadering op het predikbeurtenbriefje eene aankondiging der vergadering, met bijvoeging van haar doel en van tijd en plaats, waar zij gehouden wordt.
Alleen in buitengewone spoedvorderende gevallen zal hij door convocatie-billetten de leden ter vergadering zamenroepen.
Abt. 41. Geene benoeming geschiedt dan bij tegenwoordigheid van twee derden der leden, waaruit het col-legie bestaan moet, tenzij de vergadering wegens ongenoegzaam getal van leden, reeds ,eenmaal was uiteengegaan en ten tweedenmale tot het verrichten der zelfde werkzaamheid wettiglijk was bijeengeroepen.
Deze bepaling geldt ook voor het maken van grossen en van zes- en drietallen.
11
Aet. 42. Vóór men tot benoeming van ouderlingen of diabenen overgaat, wordt aan 't Ziescollegie uit Art. 3 van 't Algemeen Reglement voor de Kerkeraden voorgelezen, wat de wet eisciit van de leden der Gemeente, die men als ouderling of diaken wil benoemen.
Art. 43. Alle stemmingen in de vergaderingen van het Kiescollegie geschieden door de tegenwoordig zijnde leden, met gesloten briefjes. Ter beslissing bij het doen van benoemingen wordt gevorderd de volstrekte meerderheid der wettig uitgebrachte stemmen (Art. 8 Alg. Regl.). Wanneer deze na twee vrije stemmingen, bij eene derde tusschen de twee, die de meeste stemmen op zich ver-eenigd hadden, blijkt niet verkregen te kunnen worden, zal het lot beslissen. De volstrekte meerderheid der wettig uitgebrachte stemmen wordt niet gevorderd bij de plaatsing op nominatiën, die vóór de benoeming worden gemaakt.
(Synodale verklaring van 4 Juli 1856.)
Aet. 44. Vóór men tot de benoeming van ouderlingm of diakenen overgaat, wordt een gros opgemaakt, waarvoor ieder lid der vergadering, bij gesloten briefjes, opgave kan doen van even zooveel personen als er vacaturen te vervullen zijn.
Uit dit gros geschieden in dezelfde vergadering de benoemingen, en wel één voor één.
Aet. 45. Het werk der benoeming van een predikant vangt aan met het maken van een gros, voor hetwelk ieder lid ten hoogste vier namen van predikanten zal mogen indienen.
Predikanten, die wat naam en standplaats betreft, niet duidelijk genoeg zijn aangewezen, worden niet op 't gros gebracht. In dezelfde vergadering wordt uit dit gros een zestal opgemaakt.
12
Acht dagen daarna wordt uit dit zestal een drietal gemaakt, en Heruit gescluedt weder acht dagen later de beroeping.
Bij voortdurende vacature kan de Kerlieraad bepalen, dat zes- en drietal in dezelfde vergadering zullen worden opgemaakt.
Zes- en drietallen worden in alphabetiscbe orde op 't Predikheurtenbriefje bekend gemaakt.
Aet. 46. De bepalingen van Art. 20 en Art. 21 van dit Reglement over waarde en onwaarde van briefjes en namen, gelden ook in de vergaderingen van 't Kiescollegie, met uitzondering van de laatste bepaling van Art. 21; terwijl in de vergaderingen van het Kiescollegie de op stembrieven geplakte briefjes als van onwaarde zullen worden beschouwd.
Aet. 47. De stembriefjes, die bij 't maken der zes- en drietallen minder namen inhouden, dan er op de nominatie moeten worden gebracht, gelden niet.
Evenmin gelden briefjes, die één of méér namen bevatten, die niet duidelijk zijn aangeduid, of er bij herhaling op voorkomen, of die andere namen behelzen dan op het gros of zestal zijn geplaatst.
De na 't vereischte getal op eenig briefje vermelde namen komen niet in aanmerking.
Aet. 48. Aan de benoemde ouderlingen en diakenen wordt van hunne benoeming door het bestuur des Kerke-raads hij brief kennis, en tot de al- of niet aanneming der benoeming 8 dagen tijd van beraad gegeven.
Wanneer een of meer der benoemden bedanken, wordt het Kiescollegie binnen acht dagen daarna opgeroepen tot het doen van eene nieuwe keuze.
13
Akt. 49. In dit Reglement worden geene veranderingen gemaakt dan door den Algemeenen Kerkeraad, behoudens hoogere goedkeuring.
Aet. 50. In de maand Mei 1891 roept de Kerkeraad de stemgerechtigden op om te beslissen over de vraag, of zij de sedert 1871 gevolgde wijze van benoeming van ouderlingen en diakenen en beroeping van predikanten wenschen te bandhaven, dan wel of zij voor de volgende tien jaren den Kerkeraad daartoe willen machtigen.
Aet. 51. Dit Eeglement treedt in werking op den dag, dat de Kerkeraad de goedkeuring van 't Provinciaal Kerkbestuur daarop zal hebben ontvangen.
Aldus vastgesteld door den Algemeenen Kerkeraad der Hervormde Gemeente te Kampen, in zijne Vergadering gehouden 5 April 1888.
(w. g.) CHR. KNAP, Voorzitter.
W. P. VAN LINDONK, Scriha.
Beoordeeld en aan de goedkeuring van het Provinciaal Kerkbestuur onderworpen door het Oiassikaal Bestuur van Kampen.
(w. g.) J. D. VAN SPANKEREN E.Jz., Praescs.
A. C. MONTIJN, Scriba.
Goedgekeurd door het Provinciaal Kerkbestuur van Overijssel. 5 Mei 1888.
(w. g.) JAC. VAN BELKUM, President.
L. J, FLEDDERUS, Secretaris.
14
Model A..
PEOOES-VERBAAL van de inlevering van stembriefjes, die ten behoeve der keuze (of, ter keuze, bij ber-stemming) van .... gemachtigden in bet Kies. collegie der Hervormde Gemeente beeft plaats gevonden den............18 .... in de
Gemeente Kampen.
Het stembureau neemt in de ter inlevering der stembriefjes bestemde zaal plaats des morgens ten negen ure.
Het is zamengesteld uit den Heer............
bij de Hervormde Gemeente te Kampen, voorzitter, en
de Heeren...........................
leden van den Kerkeraad, stemopnemers.
De lijst der stemgerechtigden, die bij de verkiezing in aanmerking komt, mitsgaders een exemplaar van het Synodaal Reglement op de henoeming van Ouderlingen en Diakenen en de beroeping van Predikanten en een exemplaar van het Plaatselijk Reglement voor de Hervormde Gemeente te Kampen, ter uitvoering van Art. 3 van genoemd Synodaal Reglement, wordt op de tafel, voor het bureau staande, nedergelegd.
De stembus, na onderzocht en volkomen ledig bevonden te zijn, wordt met twee sleutels gesloten, waarvan de eene door den voorzitter van het bureau, de andere
door den Heer.............. als oudsten stem-
opnemer, in bewaring wordt genomen.
In de stembus zijn briefjes geworpen door de op de nevensgevoegde lijst vermelde kiesgerechtigden.
En is dit zonder stoornis der orde afgeloopen.
Ter drie ure wordt door den voorzitter verklaard, dat de ter inlevering der stembriefjes bestemde tijd verstreken is.
15
Onmiddellijk daarop is de stembus met de zegels van
de Heeren...........................
behoorlijk verzegeld, nadat die vooraf op de daartoe voorgeschreven wijze was gesloten.
De bus is daarna met hare beide, in een met het zegel van den oudsten stemopnemer voorzien papier gesloten, sleutels door den voorzitter van het bureau in de kerkeraadskast gesloten, en is de sleutel dier kast door dien voorzitter in bewaring genomen.
En is hiervan terstond proces-verbaal opgemaakt in tegenwoordigheid van de in de zaal aanwezige stemgerechtigden.
Gedaan te Kampen, den........18 ... .
Voorzitter.
! Stemopnemcrs.
Motlel B.
PROCES-VERBAAL van de opening der stembriefjes, die ter benoeming (of, ter benoeming bij herstemming) van .... gemachtigden in het Kiescollegie
der Hervormde Gemeente te Kampen, den.....
........18 ... . zijn ingediend.
Op.....den.......18 .... in de Gemeente
Kampen, is door het stembureau in de ter inlevering van stembriefjes bestemde zaal plaats genomen des morgens ten negen ure.
Het bureau is zamengesteld uit den Heer.......
bij de Hervormde Gemeente te Kampen, voorzitter, en
de heeren...........................
leden van den Kerkeraad, stemopnemers.
16
De voorzitter plaatst op de tafel de gisteren in deze zaal gebruikte stembus.
De zegels der bus worden onderzocht en bevonden ongeschonden te zijn.
De bus wordt geopend en bevonden .... stembriefjes te bevatten.
Dit getal met de lijst der stemgerechtigden, die briefjes hebben ingeleverd, vergeleken zijnde, is gebleken te zijn even groot als (of grooter, kleiner dan) het getal dier kiesgerechtigden.
Het stembureau heeft zelf ter opening behouden . . . (hier te vermelden het getal) stembriefjes, en heeft ter opening overhandigd aan het hnlpbureau A ... . stembriefjes, aan 't hulpbureau B . . . . enz.
Daarna zijn de bureaus tot de opening der stembriefjes overgegaan op de door den Kerkeraad aangewezen plaatsen.
In elk bureau zijn de aan dat bureau toevertrouwde stembriefjes door zijn' voorzitter een voor een geopend en overluid voorgelezen.
Door elk hulpbureau zijn, zoodra het met het werk van de opening der stembriefjes gereed was, aan den voorzitter van 't stembureau de lijsten, waarop aantee-kening was gehouden van den inhoud der stembriefjes, overhandigd, en waren elke dezer lijsten onderteekend door de leden van elk hulpbureau.
Het stembureau zelf heeft van onwaarde verklaard .... briefjes. (In te vullen de redenen).
Het hulpbureau A (en verder, zoo noodig hulpbureau B en 0) heeft van onwaarde verklaard .... briefjes. (In te vullen de redenen).
Het getal geldige uitgebrachte stemmen is mitsdien geweest.......
17
Van dit getal zijn uitgebracht op de Heeren.....
(hier opgeven allen die de volstrekte meerderheid verkregen, met opgave van 't getal stemmen in afdalende orde), .....stemmen â en verder op ... . (hier te vermelden het aantal personen) personen, die op nevensgaande in duplo gehouden en door elk bureau gewaarmerkte lijsten vermeld zijn, het op dezelfde lijsten achter ieders naam aangewezen getal stemmen. (Hier te vermelden, of het verschil tusschen het getal gevonden briefjes en dat der kiezers die stemden, op de stemming van invloed heeft kunnen zijn).
Zijn alzoo (met volstrekte meerderheid van stemmen) tot gemachtigden in het Kiescollegie der Hervormde Gemeente alhier verkozen de Heeren.............
................(In te vullen de namen der
gekozenen).
(Heeft niemand of heeft geen voldoend getal personen bij de eerste stemming de volstrekte meerderheid verkregen, te vermelden, wie de personen zijn, waarover herstemming moet plaats vinden, en dat van die personen de in art. 28 van 't Plaatselijk Reglement bedoelde lijst is opgemaakt).
(Heeft een herstemming plaats gehad, dan in 't procesverbaal te noemen al de gekozenen, en verder, als boven, naar de lijsten te verwijzen).
Er zijn tegen deze opening van stembriefjes door de in de zaal aanwezige stemgerechtigden geene bezwaren ingebracht.
(In geval bezwaren zijn ingebracht, die alhier te vermelden).
En is hiervan binnen den in Art. 26 van 't Plaatselijk Reglement bepaalden tijd door ons proces-verbaal opge-
18
maakt, in tegenwoordigheid van allen die zich in de zaal bevinden.
Gedaan te Kampen, den.........18 ... .
Voorzitter.
| Stemopnemers.
Model C.
Aan den Heer............
Wij geven u hiermede bericht van uwe verkiezing als gemachtigde in het Kiescollegie der Hervormde Gemeente alhier, en verzoeken u nevensgaand bewijs van ontvangst, ingevuld en geteekend, aan brenger dezes mede te geven, â
en nevensgaande verklaring te willen invullen, onderteekenen en binnen drie dagen terug te zenden aan den voorzitter des Kerkeraads.
Namens den Kerkeraad der Hervormde Gemeente te Kampen,
, Voorzitter.
, Scriba.
Model D.
BEWIJS VAN ONTVANGST.
De ondergeteekende heeft op heden den.....18 . . .
ontvangen 't bericht van zijne verkiezing tot gemachtigde in het Kiescollegie der Hervormde Gemeente te Kampen.
(Get.)...........
Oiodel E,
De ondergeteekende verklaart hiermede, dat hij de op hem uitgebrachte verkiezing tot gemachtigde in het Kiescollegie der Hervormde Gemeente alhier.....')
(Get.)...........
') Hier in te vullen: âaanneemtquot; of âniet aanneemt.quot;
Opnieuw herzien Regiement
zamenstel/ing en werkzaamheden der Kerkeraden
BIJ DE
HERVORMDE GEMEENTEN
in de provincie Overijssel.
Art. 1. De Kerlceraad hepaalt zelf de wijze waarop zijne vergadej-ingen zullen geopend en gesloten ivorden.
Abt. 2. Er hebben jaarlijlcs ten minste vier Kerheraads-vergaderingen plaats overeenkomstig het bepaalde in art. 17 van het Synodaal Reglement voor de Kerkeraden.
In die vergaderingen wordt eensura morum gehouden, als er eene Avondmaalsviering op handen is.
Abt. 3. De Voorzitter is verplicht eene buitengewone vergadering van den Bij zonderen of van den Algemeenen Kerkeraad te beleggen, wanneer dit met opgave van redenen soliriftelijk is gevraagd door ten minste twee leden der Vergadering.
Abt. 4. De Voorzitter draagt zorg voor de goede orde in het adviseeren en stemmen. Hij draagt de zaken ter
behandeling duidelijk voor en geeft daarbij de noodige inlicbtingen. Hij brengt het laatste zijne stem uit.
Ast. 5. Hangende zaken worden behandeld vóór dat andere in overweging worden genomen.
Aet. 6. Met uitzondering van de gevallen, voorkomende in art. 8 van het Algemeen Reglement voor de Nederlandsche Hervormde Kerk, en in art. 19 alinea 3 van het Reglement voor kerkelijk opzicht en tucht, worden, bij staking van stemmen, de volgende bepalingen in acht genomen.
Indien de stemmen staken over eenig bericht, rapport, consideratiën of advies, wordt het gevoelen, waarmede de Voorzitter zich vereenigt, als het gevoelen der Vergadering beschouwd.
Indien de stemmen staken over andere aangelegenheden, wordt de behandeling der zaak tot eene volgende, hetzij gewone, hetzij buitengewone vergadering, ter beoordeeling van den Voorzitter, verdaagd. Indien in deze tweede vergadering de stemmen wederom staken, zal het voorstel beschouwd worden als niet aangenomen.
Aet. 1. Elk lid heeft recht om, zonder opgave van redenen, in de notulen te doen aanteekenen, dat hij met eenig besluit zich niet vereenigd heeft.
Aet. 8. Jaarlijks wordt in de eerste vergadering van den Algemeenen en van den Bij zonderen Kerkeraad dit reglement voorgelezen.
Aldus gearresteerd door het Provinciaal Kerkbestuur van Oveeijssel, in zijne vergadering van 6 October 1858 en goedgekeurd namens de Algemeene Synode der Neder-
landsche Hervormde Kerk, door de Algemeene Synodale Commissie, in hare zitting van den 8steu November 1858.
|
Herzien en wat art. 1 en 2 Provinciaal Kerkbestuur van deringen van den é11611 en den betreft, gewijzigd door het Oveeijssel in zijne verga-12lt;!en Mei 1881. |
E. C. JUNGIUS, President. G. BRUNA. Secretaris. |
Goedgekeurd door de Algemeene Synode der Neder-landsche Hervormde Kerk den 2llen Augustus 1881.
J. J. L. LUTI, President.
B. A. OVERMAN, fv/ag. Secretaris.
HUISHOUDELIJK REGLEMENT
vooe den
Kerlmfl iir Heniraie GeiiiBeite
TE KAMPEN.
Aet. 1. De algemeene kerkeraad bij de Hervormde Gemeente te Kampen bestaat uit de predikanten, benevens twaalf ouderlingen en even zooveel diakenen; de bijzondere kerkeraad uit de predikanten en ouderlingen.
Aet. 2. Jaarlijks treedt een vierde gedeelte van de ouderlingen en van de diakenen af naar ouderdom van zitting.
Aet. 3. De benoeming van ouderlingen en diakenen gescbiedt telkens in de maand November.
De afkondigingen van de gedane benoemingen zullen daarna zóó tijdig gesobieden, dat de benoemden op den eersten Zondag in Januari daaraanvolgende kunnen worden bevestigd.
De bevestiging beeft plaats in de Broederkerk.
Aet'. 4. De nieuw benoemde ouderlingen en diakenen worden geïnstalleerd in eene bierna te bepalen gewone
vergadering, nadat de afgetredenen daarin uit hunne bediening zijn ontslagen.
Aet. 5. De gewone vergaderingen worden gehouden; van den bij zonderen kerkeraad:
viermalen 'sjaars, zoo als in de bestaande reglementen is aangewezen;
van den algemeenen kerkeraad:
op den eersten Woensdag na de bevestiging van ouderlingen en diakenen, ter installatie van dezen;
op den derden of vierden Woensdag in Maart ter opneming der diakonierekening.
Aeï. 6. Buitengewone vergaderingen worden gehouden zoo dikwijls de omstandigheden zulks vereischen. quot;Verg. art. 3 van het Provinciaal reglement.
Art. 7. Predikanten verkiezen telken jare uit hun midden een voorzitter en een scriba van den kerkeraad.
In de eerste vergadering des jaars wordt daarvan aan den algemeenen kerkeraad kennis gegeven.
Aet. 8. De voorzitter zorgt, dat de oproepingsbriefjes voor de vergaderingen worden rondgebracht,
voor de gewone twee dagen te voren,
voor de buitengewone zoo tijdig mogelijk, met opgave van redenen.
Aet. 9. De voorzitter stelt zoowel in de vergaderingen van den b ij z o n d e r e n als van den algemeenen kerkeraad de te behandelen zaken aan de orde met inachtneming van het bepaalde bij art. 5 van het Provinciaal reglement.
Aet. 10. De vergadering kan steeds, alvorens over een te behandelen onderwerp een besluit te nemen, aan
24
eene commissie uit haar midden opdragen, om dienaangaande verslag te geven.
Wanneer een te behandelen onderwerp niet op de oproepingsbriefjes is vermeld, zal daaromtrent steeds zoodanig voorafgaand commissoriaal onderzoek moeten plaats hebben, zoodra dit door minstens 4 leden der vergadering wordt verlangd.
De kerkeraad kan evenzeer aan vaste commissiën uit zijne leden opdragen, zoowel het houden van toezicht over zijne instellingen, als het voorbereiden van datgene, waarover hij heeft te bésluiten.
Aet. 11. Alle commissiën worden door den voorzitter benoemd en bestaan:
bij den b ij zonderen kerkeraad uit één of meer predikanten en twee of meer ouderlingen;
bij den algemeenen kerkeraad uit één of meer predikanten en een even groot aantal ouderlingen als diakenen.
De benoeming der vaste commissiën geschiedt telken jare in de eerste vergadering van den algemeenen kerkeraad.
Aet. 12. Geen lid voert het woord zonder daartoe van den voorzitter verlof gevraagd en verkregen te hebben.
De voorzitter verleent het woord in de orde, waarin het gevraagd is, tenzij een lid het woord verzoekt over de vaststelling van het te beslissen vraagpunt, of om eene motie van orde te doen.
Aet. 13. De vergadering kan aan hare leden voor een bepaalden tijd geheimhouding van de behandelde zaken opleggen.
25
Akt. 14. Met uitzondering van den voorzitter en van hem, die eenig voorstel gedaan lieeft, mag niemand meer dan twee malen over hetzelfde onderwerp het woord voeren, tenzij met verlof van de vergadering.
Aet. 15. Wanneer niemand der leden het woord meer verlangt, sluit de voorzitter de beraadslagingen en formuleert duidelijk het te beslissen punt; daarna gaat de vergadering tot stemming over, en brengt ieder lid zijne stem uit met de woorden âvoorquot; of âtegenquot;, zonder meer.
Bij elke stemming zal het lot beslissen bij welk lid de stemming zal aanvangen.
Abt. 16. In iedere vergadering worden de notulen der vorige gelezen en aan het oordeel der vergadering onderworpen; goedgekeurd zijnde worden zij door voorzitter en scriba geteekend.
De b ij zond ere en de algemeene kerkeraad hebben ieder een afzonderlijk notulen-boek.
De notulen moeten bevatten;
a. den dag en de jaarteekening der vergadering;
b. de vermelding van de namen der afwezig gebleven leden;
c. de besluiten door de vergadering genomen, des noo-dig met vermelding der gronden of motieven, doch zonder de verschillende gevoelens der leden te doen kennen.
Vóór het sluiten van iedere vergadering worden de punten geresumeerd, welke er een onderwerp van behandeling hebben uitgemaakt.
Alle uitgaande stukken of brieven, betrekkelijk onderwerpen in de vergadering behandeld, worden door den voorzitter en den scriba geteekend.
Aet. 17. Niemand der leden mag vóór het sluiten de vergadering verlaten, zonder verlof van den voorzitter.
Art. 18. Zoodra een lid op eenig in behandeling gebracht voorstel aanmerkt, dat het niet tot de bevoegdheid van de vergadering behoort, is de voorzitter verplicht de vergadering hierop te hooren en haar te laten beslissen.
Aet. 19. Alle belangrijke stukken, bij den kerkeraad inkomende, worden door den scriba bewaard; aan elk stuk wordt een afzonderlijk nummer gegeven en daarvan door hem in een register, waarin het nummer, de hoofdinhoud en de dagteekening van ontvangst van elk stuk worden uitgedrukt, aanteekening gehouden; uitgaande stukken worden door den scriba in een daartoe bestemd register ingeschreven.
Aet. 20. Alle boeken, registers, liggers en verdere bescheiden, waarvan het aanleggen of de bewaring aan den kerkeraad is opgedragen, zijn onder berusting van den scriba, die voor het behoorlijk bijhouden en de aanwezigheid derzelve, des noodig, op iedere vergadering zorg draagt.
De oude documenten van den kerkeraad worden in eene daartoe geschikte bergplaats behoorlijk gerangschikt en blijven mede onder het beheer van den scriba.
Aet. 21. Indien leden van den kerkeraad van eenige stukken inzage wenschen te bekomen, zal hun daartoe door den scriba, en onder diens verantwoordelijkheid, de gelegenheid worden gegeven.
Aet. 22. Met uitzondering van de werkzaamheden, hierboven aan den scriba opgedragen, zijn de predikanten beurtelings belast met het bijhouden der registers van gedoopten, lidmaten en kerkelijk in het huwelijk inge-zegenden.
In iedere gewone vergadering van den bij zonderen ker-
keraad worden de ingekomen attestaties ter tafel gebracht en aan het oordeel der vergadering onderworpen.
De aanteekeningen van de gedoopten moeten bevatten jaar en dag des doops en van de geboorte, benevens de namen en voornamen der ouders.
Ieder ouderling houdt op zijn beurt naar ouderdom van dienst, gedurende drie maanden, de contraboeken dier registers, op dezelfde wijze als de origineelen ingericht.
De origineele registers worden ieder vierendeeljaars, vóór de gewone vergadering van den bij zonderen ker-keraad, door eene, daartoe telken jare te benoemen, vaste commissie met de contraboeken vergeleken. Deze commissie brengt daaromtrent in de bedoelde vergadering verslag uit, terwijl de beide registers daarna door den voorzitter en den scriba voor collatum worden geteekend.
Ast. 23. De oudste in dienst zijnde ouderling is jaarlijks belast met het ontwerpen van den rooster ter regeling van den dienst der ouderlingen bij de openbare godsdienstoefeningen, bij het afnemen van belijdenis en tot het bijstaan der predikanten in hun herderlijk werk.
Het ontwerp wordt na de installatie van de nieuwe leden in de eerste algemeene vergadering des jaars vastgesteld.
Art. 24. Diakenen collecteeren bij elke openbare godsdienstoefening volgens eenen in hun collegia jaarlijks daartoe vast te stellen rooster.
Art. 25. De vaststelling van alle andere collecten ten behoeve der armen in de gemeente geschiedt jaarlijks in de eerste vergadering van den algemeenen kerkeraad.
In dezelfde vergadering worden mede bepaald de collecten niet uitsluitend de behoeften van de armen in de
gemeente betreffende, welke gedurende den loop des jaars bij de openbare godsdienstoefeningen zullen worden gehouden.
Bijaldien in den loop des jaars uitnoodigingen tot bet bouden van collecten bij den kerkeraad mocbten inkomen, welke niet in de bij bet vorig lid bedoelde vergadering zijn bepaald, wordt daartoe niet overgegaan, dan nadat de algemeene kerkeraad daaromtrent zal beslist hebben.
Akt. 26. Aan diakenen blijft opgedragen te zorgen, dat steeds v66r de bediening van het Avondmaal het brood en de wijn in gereedheid zijn.
Bij de bediening zelve zijn steeds twee diakenen tot het bijstaan van den predikant tegenwoordig, volgens een hiervoor vast te stellen rooster.
Aet. 27. Diakenen verkiezen jaarlijks uit hun midden een voorzitter, een boekhouder en een secretaris, en geven van die benoemingen binnen veertien dagen kennis aan den bij zonderen kerkeraad.
De benoeming van den boekhouder behoeft bovendien de bekrachtiging van den bij zonderen kerkeraad; zijne instructie wordt mede door diakenen ontworpen en aan de goedkeuring van den bij zonderen kerkeraad onderworpen.
Akt. 28. Jaarlijks worden door den voorzitter van diakenen de verschillende wijkdiakenen aangewezen; daarvan wordt aan den bijzondereu kerkeraad mede-deeling gedaan.
Aet. 29. Diakenen doen jaarlijks vóór den eersten April rekening en verantwoording van hunne gevoerde administratie over het afgeloopen jaar.
In de eerste vergadering van den algemeenen kerkeraad wordt telken jare eene commissie uit den bij zonderen
29
kerkeraad benoemd, om die rekening in de eerste helft van Maart voorloopig op te nemen.
Van die opneming geeft de commissie kennis aan den voorzitter van den kerkeraad, die dan de rekening voor de leden van den bij zonderen kerkeraad ter inzage legt.
Eindelijk zal in de daarvoor aangewezen vergadering de rekening met de titels, effecten en verdere bescheiden ter tafel gebracht, over de goedkeuring daarvan beraadslaagd en verder daarmede gehandeld worden, als bij het Synodaal Keglement voor de Diakoniën is voorgeschreven.
BIJZONDERE BEPALING.
Ouderlingen en diakenen, die afgetreden zijn, behouden gedurende twee jaren daarna hunne zitplaatsen in de kerken.
Aldus herzien in de Vergadering van den Algemeenen Kerkeraad van 12 Augustus 1874.
C. P. HOFSTEDE DE GROOT, voorz.
A. G. VAN ANROOY, smamp;a.
Het Classicaal Bestuur van Kampen verklaart, dat het van bovenstaand huishoudelijk Reglement mededeeling heeft ontvangen naar art. 25 van het Alg. Reglement.
Kampen, 26 Aug. 1874.
A. G. VAN ANROOY, pres.
A. C. M0NT1JN, scriba.
Voor eensluidend afschrift:
A. G. VAN ANROOY, h. t. scriba.
Kampen, 9 Sept. 1874.