«iiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiuniimmiiimiiiminiiuiiininimiinniimuiiimiiiiiiiiiiniiiiiiii
1 T/ff/-zi /- â ll
Jllaani) \m IJtw-
VAN
.HET HEILIG HART,
HOOP DER HOPELOOZEN.
*
| imprimatur. , .|
1 Mechlinice, 20 Febr. 1889. =
| P. C. Bogaerts, vic. gen. I
| Eigendom der Missionarissen van het |
| H. Hart (Issoudun). |
| Tilburg, |
uiiiiiTiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiuiiiv
⢠1 i
AANMERKING.
Al de drukwerkjes welke de Aigemeene Aartsbroederschap van Onze Lieve Vrouw van het li. Hart uitgeeft met de hooge goedkeuring der kerkelijke overheid van Róme, zijn het uitsluitend eigendom van de Congregatie der Missionarissen van het H. Hart, waaraan de H. Stoel door een decreet van den 26 April 1879 « geheel de zorg en het bestier van de algem. Aartsbroederschap heeft toevertrouwd, opdatzij nauw en onoplosbaar met genoemde Congregaiie verbonden blijve. »
Bet bestuur behoudt zich alle recht van drukken en vertalen voor van al'e werkjes betrekkelijk de Algem. Aartsbroederschap.
De zelfde verordening ten opzichte van de beelden, prentjes, medailles en andere voorwerpen betrekking hebbende op de godsvrucht tot O. L. Vrouw van het H. Hart, ten ëinde alle betreurenswaardige namaaksels te vermijden.
Goedkeuring van de Heilige Roomsche Congregatie van het Heilig Officie.
Al hetgene hierbovenstaande gezegd is wordt goedgekeurd en het hierbijgevoegde gebed
(HET GEDENK O O. L. VROUW VAN HET H. HART,
dat hierna volgt) erkend als het echte en eenige dat door de hooge H. Congregatie is aangenomen. Zoo is het.
Rome, 1 November 1881 Fr. VmcENTius, Leo Sallua.
van de Orde der PP. Comm. Gen van het H. Officie,
Aartsb. van Chalcedonië.
iiiuiriiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuniiii.iiiiiiiiiitiiüiiim HET MEMORARE ,
| VAN Ã
0. L. VROUW VAN HET H. HART. I
i Gedenk, o Onze Lieve Vrouw van liet i
| Heilig Hart, de onuitsprekelijke macht, |
= die uw goddelijke Zoon U op zijn aanbid- S
i delijkHart gegeven heeft, vol vertrouwen |
| op uwe verdiensten, komen wij uwe be- |
| scherming afsmeeken. O, Hemelschc i
| Schatmeesteres van Jezus'Hart, van dit |
i Hart, hetwelk de onuitputbare bron van i
| alle genaden is, en dat Gij naar welgeval- |
= len kunt openen, om er over het mensch- f
| dom te doen uitstroomen al de schatten |
| van liefde en barmhartigheid, van licht |
= en zaligheid, die er in zijn opgesloten, i
| verleen ons, wij smeeken het LT, de gun- |
| sten, die wij verzoeken.....Neen, wij i
| kunnen niet afgewezen worden; en omdat |
= Gij onze Moeder zijt, o Onze Lieve Vrouw |
H van het Heilig Hart, neem onze gebeden i
| gunstig aan, en gelief ze te verhoeren. |
| Amen.
= [ioo dag. aflaat eens per dag: voor de leden der E
| Aartsbroederschap. Pius IX. i3 Juni 1870) =
= Eenige goedgekeurde vertaling in het Nederlandsch. E
= S. C. I. I Kov. 1880. i
iMiiiMtiiiiiiiiiiiutiiiniiiiiMNiMiiiiiiiiniiiiiMiiinitiiiiiiiiiiMirilliiiiiiiiiiiiilllitiniiifiH
I â¢
iiiiiiuiiniimmmmiimiiiiiiiiiiiiiiiiimmmiiiiiiMimiimiimimiirmMiMmiiiniiiiii
= Overeenkomstig- de beslissing van Paus Urbanus :
E VIII, verklaren wij, dat alle gunsten of buitengewone §
= feiten, welke in dit werkje verhaald worden, slechts =
= een zuiver menschelijk gezag hebben, uitgezonderd =
i die welke goedgekeurd en bekrachtigd zijn door de =
r Heilige, Katholieke en Apostolieke, Roomsche Kerk. =
= en door haar onfeilbaar Opperhoofd, aan wiens oor- Ã
r deel wij, zonder eenig voorbehoud, onze personen, =
= onze woorden en onze geschriften onderwerpen. =
DE MISSIONARISSEN VAN HET H. HART. f
= Wij hebben het boekje, getiteld; Maand van =
= Onze lieve Vrouw van het Heilig Hart, ge- =
= volgd door geschiedenissen welke hare macht toonen, =
1 doen onderzoeken. = = Met het oog op de gunstige getuigenis, welke men =
2 ⢠ons er van gegeven heeft, verleenen wij niet alleen i r de vergunning om het ter perse te leggen, maar ra- = â¢z den wij dringend de lezing daarvan alle godvrucht!- = g ge personen aan. en is het onze wensch, dat het zich § g zooveel mogelijk onder de geloovigen en zelfs in de E E religieuze gemeenten verspreide. E E Gegeven te Bourges. den 25 April i865, op den feest = E dag van den h. Marcus. e
E t C. A., Aartsb. van Bourges. Ã
^ f â¦
iinitnii
= gt;
v!'câ¢'^|
iiMiiMtiiiMiiniiiMiiitiitirriiintiiiiiiiuiüiitiiiiiititiiiiniinriirttii
mdimm. mm.
an de Kinderen
(Q/O-i VAN
Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart.
Dit boekje behoort geheel aan u.
Uwe godsvrucht heeft er het denkbeeld van ingegeven, en uw ijver, wij gelooven het gaarne, zal het welwillend ontvangen.
Hoe vele harten beminnen de verheven, Onbevlekte Maagd onder den zoo schoonen, zoo liefelijken titel van Onze Likve Vrouw van het H. Hart ! Konden wij dien gezegenden naam toch meer en meer doen kennen !... Mocht deze maand, welke wij allen toegenegen dienaren van Maria, aanbieden, alom de godsvrucht doen bloeien tot Onze Lieve Vrouw van liet H. Hart, onder de bescherming van den H. .Tozef, Vriend van hetH. Hart, en tot meerdere eer van het Goddelijk Hart van Jezus ! ...
iiiimiiimmimiiiiiiMmmimiMnui
ALGEMEENE AARTSBROEDERSCHAP
f 0, L, VROUW VAN HET H, HART f
I opgericht door de Missionarissen van het H. Hart =
z te Issoudun en Rome, goedgekeurd door de Pausen =
I Pius IX en Leo XIII, en gevestigd in de kapel der =
3 Missionarissen van het H. Hart te Tilburg i
I O. L. Vrouw van het H. Hart, bid voor ons ! =
(ioo dag. afl., eens per dag, voor de leden). =
H Pius IX, 26 Juni 1867). =
= Zij is de Hoop der hopeloozen. ;h. Ephrem) i
5 (Over den oorsprong van de godsvrucht tot O. Ij =
E Vrouw van het H. Hart, zie bladz. 24) z
h i. Algemeen doel der Broederschap.quot; De |
1 verheerlijking van Jezus' Goddelijk |
I Hart, door Maria. i
1 Het doel der Broederschap is vooreerst, =
I onder den titel van On^e Lieve Vrouw van |
= het H. Hart, de Allerheiligste Maagd Maria =
I te verheerlijken, in de betrekkingen van on- =
i uitsprekelijke liefde,welke bestaan tusschen |
I Haar en het H. Hart van Jezus. i
üllllljlll llllllllllll11111 111 11M111 III 11111 lllllll111111II III 111II lilllllllllllilllllllllllllllllMlllll
.................................................................................
II. Bijzonder doel eer Broederschap |
Het WEr.gelukken in moeilijke en hope- i
looze aangelegenheden. 1
De voor onszoo kostbare aanmoedigingen i
der Bisschoppen en de wonderlijke gunsten, |
die door de voorspraak van O. L. Vromv =
van het H. //arf verworven werden, brach- i
ten ons op de gedachte eene Vereeniging |
van gebeden te harer eere op te richten, ten =
einde door hare alvermogende voorspraak |
het welslagen van moeilijke en hopeloo^e =
aan gele genheden,zooweVrnds geestelijke als i
in de tijdelijke orde, te bekomen. Wat %ijn |
die aangelegenheden in den tegenwoordi- =
gen tijd menigvuldig ! |
De doorluchtige en godvruchtige Aarts- §
bisschop van Bourges,z. g., begreep, welk =
een voordeel en zegen dit door God ingegeven i
werk aan de wereld kon verschaffen, en §
haastte zich hetzelve den 29 Januari 1S64 i
een kanoniek bestaan te geven. (Zie bladz. |
24 en 3i). . =
III. Vorderingen der Broederschap van 5
O. L. Vrouw van het H. Hart. =
In de maand Juni van hetzelfde jaar ge- |
waardigde zich Z. H. Pius IX deze god- =
vruchtige Broederschap door eene breve |
goed te keuren en ze met talrijke aflaten te =
verrijken. |
Toen de H. Vader in de maand Februari =
1869 de talrijke gunsten vernam, die reeds i
door de voorspraak van O. L. Vrouw van |
iiijiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiimiiiiiiimmiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiijiiiiii»
s i
T
uiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiriiiii»gt; j|
| het H. Hart verkregen waren, wilde Hij aan =
1 de leden der Vereeniging een schitterend =
| bewijs zijner genegenheid geven. Hij beval |
= de plechtige kroning van O. L. Vrouw van |
| het H. Hart van Issoudun, en schreef zich i
| zeiven in de Broederschap in, terwijl hij |
1 onder op zijn briefje deze schoone woorden =
| plaatste: Pius IX, die de gelukzalige i
= Maagd Maria wil beminnen. Het kro- |
1 ningsfeest had plaats op den 8 September i,
| 1869. (Zie bladz 48). |
= Bij de bedevaart van den 17 October 18-72 i
I te Issoudun,werd Frankrijk op eene plech- i
I tige wijze aan O. L. Vrouw van het Heilig |
I Hart toegewijd door Z. D. H. den Aartsbis- =
I schop van Bourges, in den naam van drie |:
i en ^estig bisschoppen. |
I Op den 8 September 1873, verjaardag der i
E Kroning, zag men niet alleen Frankrijk, |
= maar ook vele vreemde landen,door 25o va- Ã
I nen en dertigduizend pelgrims vertegen- i:
I woordigd. =
I Den 17 Juli 1874, verhief Pius IX tot Ba- i
E siliek de kerk, waar zooveel godvruchtige E
1 pelgrims samenkwamen, door hunne liefde =
I tot Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart |
E aangetrokken. S:
I Doch dit alles was niet genoeg voor On- =
E zc Lieve Vrouw van het Heilig Hart. Zij |
ï wilde te Rome zelf, bij den Plaatsbekleeder E
I van Jezus Christus, eenen tempel hebben. Ã
1 Den 16 September 1878, veroorloofde Z. H. E
I Leo Xlll de Missionarissen van het Heilig =
E Hart, de oude kerk van den H. Jacobus der E
iiiiiiiiiiiimmiiiiuiiiiimiiiiiiiiiiiimniiiiiniiiiiiiini
1 9
iiimiiimiiiiiiiiiiiiiiiiumiiiiiii*
I Spanjaarden aan O. L. Vrouw van het H. =
= Hart toe te wijden, en terzelfder tijd ver- i
| scheen het decreet,dat deze kerk tot hetalge- =
| meen middelpunt verhief der Aartsbroe- i
= derschap van O. L. Vrouw van het H. =
| Hart voor de gansche wereld, en er het be- \
= stuur van toevertrouwde aan de Congrega- =
= tie der Missionarissen van het H. Hart van =
= Issoudun. \
= N. li. üit kracht eener breve van Z. H. Leo XIII =
E (26 September 1884) maken al de huizen tier Missio- =
§ narissen van het H. Hart, in welk land of op welke =
r plaats zij ook opgericht worden, om zoo te zeiden =
s slechts één enkel huis uit met het moederhuis te i
= Issoudun en den hoofdzetel der Aartsbroederschap =
.5 te Rome, zoodat de voorwaarden van opname in =
E gemelde Aartsbroederschap voor iederen geloovigen E
= vervuld zijn, als hij zijn doop-en familienaam, hetzij :
= zelf, hetzij door een ander, aan een onzer huizen =
5 opzendt. =
I Tegenwoordig zijn zestien millioen Leden |
i vereenigd met dat algemeen middelpunt dat =
I slechts één met Issoudun uitmaakt ; en ge- |
I schaard onder de banier van O. L. Vrouw, =
I verheffen zij te zamen hunne stem,om overal ;
I het treffende woord van Pius [X te herha- |
1 len : O ! wat is On^e Lieve Vrouw van het \
I II. Hart toch (joed ! -1
= Ja, zij is goed, zij is machtig, O L. Vrouw jj
I van het H. Hart ! En daarom nemen wij =
I onze toevlucht tot Haar in de bijzondere of i
= openbare rampen : k De Kerk en de Maat- |
I schappij, heeft PiuS IX gezegd, hebben geen =
I hoop meer dan in het H. Sari van Je^us ; |
= dat Hart ^al al on^e kwalen gens^en.n Het H
= hulpmiddel is dus in de genade van het H. i iiiTiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiii|iiiiii'
I 10 i
i Hart; maar Maria past dit geneesmiddel toe, =
| het is O. L. Vrouw van het H. Hart die |
= over de genaden van het Goddelijk Hart |
| beschikt. i
= IV. Aanbevelingen. 5
= Al het lichamelijk en zedelijk lijden, al |
| de kwellingen, al de wanhoop der mensche- =
= lijke natuurvindtmen beurtelings uitgedrukt |
| in de smeekbrieven, die onophoudelijk van |
= alle punten der aarde ons toekomen. Men i
| telt per jaar meer dan een millioen aanbe- =
E volene intentiên. =
I Niets is belangwekkender en hartroeren- i
| der dan iederen Zondag in de avond-verga- |
= dering het verslag te hooren van zooveel =
| brieven, die de hulp van O. L. Vrouw van |
= het H. Hart afsmeeken. Die vereeniging van =
1 smeekgebeden treft het moederlijk Hart van |
| Maria en doet overvloedig op de aarde de =
= genaden nederdalen, waarvan zij de uitdeel- i
| ster is. |
1 V. Dankzeggingen. |
= Vijf en twintig jaren zijn er sedert de op- i
= richting der Broederschap verloopen. Sedert |
| dat tijdstip hebben wij meer dan 5oo,ooo |
= dankzeggingen in onze registers opgetee- i
| kend, betrekking hebbende op allerlei gun- =
i sten, verworven door de voorspraak van ï
| O. L. Vrouw van het H. Hart. Die dank- i
| zeggingen worden godvruchtig bewaard. De =
i Annalen van O. L. Vr. van het H. Hart dee- =
iiiiiiXiiiiiitiMiiiitiiiintMKitiitiitnintniniitiitntitittiiiituiniiiiiitiitniitiiiitiiiunnm
1 11 Ã
J.
iiiiiiniiiiimmimiiiiiimmmiimimiiiiiiiimimiiimmiimmmiiimimmiimiiitiimi liiiiiiiuiu
| len er iedere maandeenige mede. (Zie bl. 39). i
§ VI. voordeelen. =
= 10 Bijzondere bescherming van O. L. Vrouw |
l van het H. Hart. :
I 20 Dagelijks worden ten eeuwigen dage drie |
= Missen voor al de leden, zoowel levende =
- als overledene, opgedragen : eene te | E Rome ifi de kerk van O. L. Vr. van het = = H. Hart, de twee andere in de Basiliek = = te Issoudun. E i 3° Alle Donderdagen eene Mis voor de E E levende leden aan het altaar van O. L. |
- Vrouw van het H. Hart ; die van den E I eersten Donderdag der maand wordt | E voor de afgestorvene leden opgedragen. E E 40 Aanbeveling van alle geestelijke en tijde- E I lijke aangelegenheden, die men bekend |
E zal maken. E
E 5° Een aandeel in de gebeden en goede wer- =
E ken der Missionarissen van het H. Hart, E
E der kinderen van het Klein Liefdewerk, E
E der Zusters van O. L. Vrouw van het H. |
E Hart, der wereldlijke Priesters van het E = ^
H. Hart, der Derde-ordelingen en der E
I leden van der Aartsbroederschap. | E ,
i E VII. Aflaten. e | (
I Volle. 1. Op den dag der inschrijving. E E
E 2. In het sterfuur. 3. Op de feesten van =
I Kerstmis (25 Dec.), drie Koningen (6 Jan.), | i :
E Paschen, O. H. Hemelvaart. 4. Op het feest E
à van het H. Hart van Jezus (Vrijdag na de Ã
E octaaf van H Sacramentsdag). 5. Op de E = ;
i lllllllillllUIIIIIIIIIIIIIIIIIIUIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIillilllllllllllilllllllllllllllllMlllllllJlllll» «IIIIIMIIII
1 i 12 li
mimiiiii liiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiitiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiijiiiir
= feesten van de Onbevl. Ontv. (8 Dec.), O. L. i
| Vrouw Geboorte (8 Sept.), O. L. Vrouw |
i Boodschap (23 Maart), O. L. Vrouw Licht- i
| mis (2 Feb.) en O. L. Vrouw Kemelvaart i
= (15 Aug.), het Moederschap der Onbevlekte |
i Maagd (2e Zondag van Oct.). 6. Den 3i Mei, i
I waarop het feest van O. L. Vrouw van het |
1 H. Hart gevierd wordt, of op een dag on- =
I der de octaaf. 7. Eens per maand voor de =
i Zelateurs en Zelatricen, die door de Aarts- |
= broederschap van Rome benoemd zijn en =
I met goedkeuring van den Bisschop van het |
= diocees die bediening uitoefenen.
I Om de volle aflaten te verdienen, moeten i
§ de Leden de gewone voorwaarden vervullen, |
i d. i. biechten, op den aangewezen dag com- ï
I municeeren. de parochiekerk bezoekenen er |
= bidden ter intentie van Z. H. |
I Gedeeltelijke. 1. 7 jaren en 7 quadrage- |
§ Jie»; 1. Op Donderdag of Zondag van iedere =
i week. 2. Op de feestdagen van 0. L.Vrouw- |
I Presentatie (21 Nov.), en Maria-Bezoeking |
i (2 Juli). 3. Op de feestdagen van den H. ï
i Franciscus van Sales (29 .tan.), H. Joannes |
i Evangelist (27 Dec.), St Jan-Bapt. (24 Juni), i
1 H. Bernardus (20 Aug.), H. Augustinus i
I (28 Aug.). ' quot; I
= 11.7jaren telkens als de leden 1° op het i
I luiden der klok voor een stervende bidden, |
I 20 een doode naar het graf vergezellen, 3° 5
I buiten de verplichte dagen godvruchtig de i
I H. Mis bijwonen, 40 hun geweten onder- |
= zoeken, 5° de armen, zieken, gevangenen i
nmmi» â¢innnmmmniiiimiiiiinmummimmmiiiimiimimiiimmiimiiiiiimiiiiniiiHirt
1 I 13 1
â¢fiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiinuiiiiiMiimniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMMiuiiMiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiniiiiijiiii ininii
x 5 =
| bezoeken en vijanden verzoenen. | 5
= III. 700 dagen ééns per dag voor de = |
| leden der Aartsbroederschap die het: «Ge- | |
; denk, o Orze Lieve Vrouw van het H. Hart» = is
= bidden. = | n
| IV. 60 dagen voor ieder goed werk. = | n
§ N.-b. â Al de bovengemelde aflaten kunnen bij = e v
= wijze van voorbidding, aan de zielen desVage- = =
E vuurs toegevoegd worden. De H. Congregatie der =
E Aflaten en der Reliquieën heeft bovenstaande aflaten, § =
E na vergelijking met de oorspronkelijke stukken, bij E = 3
E gezegde Congregatie ingeleverd, als authentiek er- =
E kend, en het drukken en verspreiden daarvan ver- = E
E oorloofd. = i 2
E Gegeven te Rome, ter Secretarie van voormelde E
E h. Congregatie, den 21 Juli 1881. = E
I L t s PIO DEL1CATI, Secretaris. | | :
à VIII. Voorwaarden. § |
à De eenige voorwaarden die noodzakelijk | | ^
E zijn, zijn de volgende : = |
à 1. Wettige inschrijving ; tot dat einde =
I zende men zelf of door een ander zijnen E
à naam en voornaam aan de Missionarissén E E
à van het H. Hart. | | -
= 2. Eens des morgens en eens des avonds .= E
à deze korte aanroeping doen : On^e Lieve = E
I Vrouw van Lit H.Hart, bid voor ons ! |
E (100 dagen aflaat, eens per dag voor de leden). E E
r iPius IX, 26 Juni 1867). § E ]
uiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiinnuiiiiiuiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiuiuïiiiiiiiaiiiiMiiiii 1 14 ? 1
^quot;â¢'^iuiiiiuAiTiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiinniiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiuniiiiiiiiTiiiii»
§ à IX. Verschillende opmerkingen. |
- = | Alle katholieken die tot de jaren van ver- | » | | stand gekomen zijn, van welk geslacht of =
= nationaliteit ook, kunnen in de Aartsbroe- |
e = derschap worden opgenomen ; doch nie- |
E i mand kan ingeschreven worden zonder zijn =
ij = | voorweten. |
r E | Aan de leden wordt aangeraden: H
j à =1. Eene medaille van O. L. Vrouw van het |
- E E Heilig Hart te dragen. § e E 2. Een inschrijvingsbriefje te nemen,waarop | | à de gebeden tot O. L. Vrouw van het H. 1 E | Hart staan, à E =3. Als zij kunnen een kleine gift te doen, E E | om de algemeene onkosten der Aarts- = | = broederschap te bestrijden. | = à 4. Eene bijzondere intentie te voegen voor i I E de noodwendigheden van de Algemeene |
, E I Aartsbroederschap als zij 's morgens =
: I de opdracht doen van al hunne goede |
: E werken van den ganschen dag. |
E 1 5. Op de voornaamste feestdagen der Aarts- |
.= Ã broederschap, die in de lijst der aflaten |
E I zijn aangegeven, te communiceeren. Ã
E E N. B. â De Geïllustreerde Annalen van O. L. i
= E Vrouw van het Heilig Hart die in de Neder- E
ï à landsche taal worden uitgegeven, verschijnen iedere E
E E maand tweemaal, en maken ieder jaar een schoon E
à à boekdeel uit, in 40 van 084 bladz. E
r E De eerste aflevering is bijzonder toegewijd aan de E
E E Aartsbroederschap van O. L. V. van het H. Hart en Ã
= E de verschillende werken die er mede in verband staan E
iuïiiiiiMiiiiifiiiiiiiiiiiiiiimiiniiiiiiiiimiiiiiimiiimiiiiiiiimmiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiMiiiiTiiiiiii»
à 5 15 = *
I
^iiiiiiTiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiniiniiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiifiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiii
de Missie van Meianesië en Micronesië =
5 en het Klein Liefdevverk van het h. hart. h
5 De tweede aflevering is toegewijd aan den eere- =
i dienst van den h. Jozef, Vriend van het h. nart, en =
E aan de zielen des Vagevuurs. =
= Prijs van het abonnement: i gld. per jaar. ^ E
= Wij verzoeken onze deelgenooten zooveel mogelijk =
E de Annalen te helpen verspreiden; Wij zullen hun =
E daarvoor de noodige Proefnummers gratis toezenden. E
= Voor alles wat de Aartsbroederschap van =
i O. L. V. van het H. Hart betreft: Annalen, i
| gebeden.beeldjesen andere voorwerpen der |
= Aartsbroederschap en het Klein Liefdewerk =
I wordt men verzocht zich te wenden tot den i
1 Eerw. Pater Overste der Missionnarissen i
| van het H. Hart, |
i TILBURG. 1
4iiiiii)iiiiimitimiitMiiiiimiimiMimiiiiiiiMMiiiMiMiiitiimimMiMmiimMiimiuimf 1 16 1
£
al
I)F. Meimaand |
Paus Pius VII. bij Rescript van de |
H. Congregatie der Aflaten, 18 Juni |
1822, verleende aan alle Geloovigen, | '
die, hetzij in het openbaar, hetzij in |
liet bijzonder, gedurende de Meimaand |
door bijzondere vereering en god- 1
vruchtige oefeningen van gebeden of |
| andere akten van deugd de allerh. |
| Maagd Maria vereeren ; |
«iiiiïiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiMiiiiiiiiin'iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiinirniitf»
1 17 2 1 â
«timiiiiiiimirmmmiimimiiimimMiummiiiimimiMmiiOMfimhiimiiiiiiiiiiiii»']
I Een aflaat van 300 dagen voor |
1 iederen dag. |
| Een vollen Aflaat ems in genoemde |
| maand, op een dag hunner keuze, op =
| voorwaarde dat zij biechten, commu- |
i niceeren en bidden volgens de intentie i
1 van Z. H. |
i Deze Aflaat kan, door eene bijzon- |
| dere vergunning van Paus Pius IX, 8 |
1 Augustus 1859, ook op den eersten |
| dag van de maand Juni verdiend wor- |
i den. i
«MiiuiiiiiiriiiiiiiNitriMiiiirriiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiMiiiirnrrriirirrmrrmmiiitiriiiiiimiifn
18
i»i]
| VAN
1 Onze Lieve Vrouw van het H. Hart |
| van Jezus.
f VOORAVOND VAN DEN EERSTEN DAG. |
i Beweegredenen waarom wij
| Onze Lieve Vrouw van het Heilig =
1 Hart moeten vereeren.
= ALLES NOODIGT ONS U!T, DE DAGEN DEZER |
| SCHOONE MEIMAAND AAN ONZE LIEVE VROUW 1
1 VAN HET H. HART TOE TE WIJDEN. ï
E natuur viert feest; de Kerk geniet de vreugde der ver-
_ rijzenis ; van alle kanten
worden aan de H. Maagd bekoorlijke namen toegekend ; die van O. L. Vrouw
immnimiiii
miiiiiiiiiimimmiimminiMiiiiiiiiii*
11 M 1111111111 â 1111111111111111111111111
19
.âââTm............................................mm.........................
| van het H. Heilig Hart is voor ons de | i bron van zóó groote genaden geweest, | | dat hij het beminnelijk onderworp |
1 onzer overwegingen zal uitmaken. |
I Zonder twijfel, Maria is slechts een |
i schepsel; maar dit schepsel is van eene |
i zoodanige voortreffelijkheid, dat %\ij |
I er nooit te veel van kunnen zeggen, |
i oja nooit», voegt er de H. Bernardus |
1 bij, «zullen wij er genoeg van zeggen». |
| « Herinnert u, o mijne welbeminden |
1 in Jezus-Christus,» schreef een ijve- | i rig dienaar der H. Maagd, «dat hoe | i meer gij u bezig houdt met Maria te | i vereeren, gij des te meer de heil ifjc = i Vaders en Leeraren der Kerk zult | | navolgen, die haar om strijd prijzen ; ; 1 de heilige Apostelen en Evangelisten^ | 1 die haar aan alle geslachten hebben | | bekend gemaakt; de heilige Profeten, | 1 die haar aan alle geslachten hebben | i aangekondigd, en de heilige Patriar- i 1 chen, die naar het oogenblik barer | i geboorte hebben verzucht. Daardoor ; i zult gij alle Heiligen en die, welke | I onder hen het meest verheven zijn, | | navolgen, omdat, hoe meer men zich |
uniJmnimii...........iâiM,MimiiiiiiimiiiiiimiiiMimiimniiiiiiiiMiiiii.i.mii^ii.in
i 20 1
lllllllllllllllllltlllllltlllllMIIIIIIIIIIIIIMIMKIMMIIIIMillll
iiiiiinimiimiMiimiimiii
toelegt om Haar te verheerlijken, die tegelijk onze Moeder, onze Voorspreekster en onze Koningin is, men des te beter gesteld is tot het ontvangen der overvloedige gaven van heiligmaking. Gij zult de horen der Engelen navolgen, die niet ophouden den lof van Maria te verkondigen. Boven alles zult gij de Allerheiligste Drievuldigheid navolgen, welke zich geheel en al op eene onbegrijpelijke wijze bezig houdt met Haar te eeren : de Vader, met zijne Goddelijke macht ; de Zoon, met zijne oneindige wijsheid ; de Heilige Geest, met zijne oneindige liefde, d (1)
Voegen wij hier bij. dat hoe meer wij deze Onbevlekte Maagd vereeren, wij het Goddelijk Hart des te meer zullen navolgen, dat ons het voorbeeld en de mate van godsvrucht aantoont, welke wij Maria moeten toedragen.
â iiiiiMiiiimiiiiMiiiiimiiiniitiiiiiiiiiiii
| (1) I)e fcïiaar Gorfs Yinccntius Palotti: | | Voorrede der Maand van Maria voor | i Geestelijhen. \
mMimiiiiinniiiiiMiimimmmiiiiiimimiir
21
iiSiiiiiiimniiiiiiimnHiiiiiiiiiiimiimimiimmiimmiiiniiimmmimniiiiiyiMiM uau
I II. f
1 ÃNZE LIEVE VROUW VAN HET HEILIG HART |
1 ZELVE NOODIGT ONS UIT, 1
| HAAR ONDER DEZEN ZOO TROOSTENDEN TITEL | J
1 .. AAN TE ROEPEN. |
| De wonderbare uitbreiding,die zij de |
i Algem.Aartsbroederschap, welke haar |
| naam draagt, verleent, de tallooze |
1 gunsten, die door de aanroeping: Onze |
| Lieve Vrome van het H. Hart, bid =
i voor ons. zijn verkregen ; de aflaten |
| waarmede de Kerk dit werk heeft |
i willen verrijken, en de millioenen |
| deelgenooten welke het reeds telt, zijn | ^
1 zoovele stemmen,waardoor Onze Lieve |
| Vrouw van het Heilig Hart zich tot |
i ons keert en zegt ; « Komt allen tot |
| mij, gij die zwak en arm zijt, gij die i
i den last der zonde of het gewicht der |
| droefheid draagt ; gij die steun noch |
1 troost hebt, komt allen ; ik bezit oen |
| schat waardoor ik genoemd kan wor- |
1 den : de Hoop van hen die geene |
= hoop meer hebben ; het Hart van =
1 Jezus behoort mij toe. Het is uit |
| mijn maagdelijk bloed voortgeko- |
1 men ; ik heb Hem de meeste liefde be- |
uiiiiiTiiiiiiiiiiimiiiiniiiiiiiiliiiiiiiiiiimiiiiiHiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiinii..........
1 wezen, ik heb liet grootste deel in 1
| zijn lijden genomen, daarom ben ik |
i voor altijd de uitdeelster zijner wel- 1
| daden geworden. Komt allen tot mij, |
| ik ben de koninklijke weg, welke 1
| naar deze levensbron voert. » |
f IIL I
TOEPASSING. |
| Gaan wij iederen dag der maand |
i meteen kinderlijk betrouwen tot Onze 1
| Lieve Vrouw van het H. Hart; leggen |
| wij aan hare voeten do schatting onzer 1
| hulde neder ; luisteren wij naar de 1
| woorden, welke zij ons over het Hart 1
| van haren Goddelijken Zoon zal doen |
| hooren ; volgen wij de deugden na 1
| waarin zij ons is voorgegaan, en verza- |
1 melen wij degenaden,welkezijvoorons f
| uit het Heilig Hart zal putten ; maar |
| vreezen wij niet haar veel te vragen, 1
| omdat zij veel voor ons kan verkrijgen. |
1 Haar gebed is almachtig op het Hart 1
| van den Almachtige ; hare liefde voor |
| ons overtreft de liefde aller moeders ; |
«tiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiHM»
1 23 1
niiiiiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiim
het zien onzer armoede zal hare barm- | hartigheid nog vergrooten, en wij kun- | nen ons gemakkelijk met hare zegenin- | gen verrijken. | f
Oefening. Richt in uwe kamer een | altaartje op ter eere van Onze Lieve 1 * Vrouw van het Heilig Hart, geduren- 1 de de Meimaand, al zou het slechts I bestaan uit een barer afbeeldingen, | en eene bloem uit liefde tot haar ge- 1 plukt. |
Schietyehed. Onze LieveVrouw van 1 het Heiig Hart, gij die van het eerste | oogenblik uwer Onbevlekte Ontvange- 1 nis het Hart van God verrukt hebt, i bid voor ons. 1
Onze Lieve Vrouw van het Heilig |
Hart van Jezus, bid voor ons. 1
-fö* | GESCHIEDENIS. |
Oorsprong der godsvrucht tot i
Onze Liei-e Vrouw van het Heilig Hart. |
In de stad Issoudun (Indre. Frankrijk), in i het diocees van Bourges, werd eene negen- | daagsche oefening van gebeden tot Maria ge- =
24 1
iimiiuiimiiimMiiimmimimmiimiimmiiMiiiimmmmmPMiiiMiMimiiimMiiiii*
= daan, om door hare voorspraak de oprich- |
| ting van een nieuw religieus genootschap te =
1 verkrijgen, dat den titel van Missionarissen =
| van het Heilig Hart van Je^us zou dragen. |
| Men had aan de H. Maagd beloofd, dat men =
| haar op eene bijzondere wijze zou doen |
= beminnen, indien zij deze heilige onderne- =
i ming begunstigde. =
| Den 8 December 1854, den dag, waarop |
I het dogma der Onbevlekte Ontvangenis =
I werd afgekondigd en tevens den laatsten dag |
I der noveen, gaven omstandigheden, als door §
I de Voorzienigheid voorbeschikt, te kennen, |
§ dat de gebeden verhoord waren, en men |
I met het werk mocht aanvangen. De nieuwe =
I Congregatie werd gesticht; zij breidde zich |
I uit ; eene schoone kerk verhief zich weldra |
= ter eere van het Heilig Hart ; zij werd met |
I schilderijen en zinnebeelden verrijkt, welke |
= op eene welsprekendewijzedeliefde verkon- |
I digden, waardoor dit Goddelijk Hart wordt |
I verteerd. =
. I In dezen gewijden tempel moest Maria |
= haar altaar hebben ; maar onder welken =
i naam haar vereeren ? 1
I In welk geheim van haar leven zou men |
= haar aan de geloovigen voorstellen, om de i
1 verbintenis na te komen, welke jegens haar |
= was aangegaan ! |
= De Voorzienigheid nam deze moeilijkheid i
I weg, door den naam van On^e Lieve Vrouw |
= van het H. Hart in te geven. Deze nieuwe |
à titel, zijne beteekenis, de beeltenis waardoor i
I hij werd voorgesteld, de diépe en troostende |
AniiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiüiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiin»
i 25 i
I MIIIIIMIIIIIIIMI111IIIMIIII Itllllllllllllll IIIIIIII lllllllllll lllllllllllllllllllllllllllllTllllll
= leering welke er in ligt opgesloten, trof aller |
i harten. |
| De Broederschap van Onze Lieve Vrouw i
H van het Heilig Hart werd in 1864, overeen- |
i komstig de kerkelijke regels, opgericht. Zij i
I telt heden meer dan vijftienhonderd heilig- |
= doramen, millioenen leden ; en meer dan i
I vierhonderdduizend brieven van dankzeg- i
= ging zijn ontvangen; daarenboven zijn zeker i
§ nog gunsten in menigte verkregen, welke i
J men ons niet heeft medegedeeld. |
= Is eene zoodanige uitkomst, met zulk een i
I onbeduidend begin en zulke zwakke hulp- i
= middelen, niet het schitterendste bewijs, dat |
I Maria verlangt vereerd te worden onder den =
= titel van Onze Lieve Vrouw van het Heilig |
1 Hart ? =
llinillllMIIIIIIIIIIIIIIIIHIIIIIIMI'MMIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIillllllllllllllUIMIIIIIIIIIIIIIinillMI (IIKIIII
ï 26 11
1 i
EERSTE DAG.
Voorbeschikking van Maria. â Onze toewijding aan het H. Hart.
Al haar luister, van 's Konings dochter, is inwendig,
(Ps. XLIV. 14.)
1.
GOD BEREIDT ZICH EENE MOEDER, ZIJN HART WAARDIG.
a. =
II 11
|E liefde is eene verheven zaak, |
zegt de lieilige schrijver der |
Navolging ; « Magna res est |
I amor.n De liefde is, van alle eeuwig- |
I heid, het Goddelijk leven. |
I Uit liefde is de wereld geschapen, f
1 uit liefde wordt het geheim der Mensch- |
4 I wording voltrokken; en het is de God- 1
| delijke liefde welke dit geheim onder |
| ons wil opwekken, 1
iimi ' «iiKiiiiiiiiiiiiiiiiiiMMiiiniiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiniiuuiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiii
t 27 1
1
--n
'VIHIirillllllllllll lllll tl MIMI II11 Mill 11 lllll 1111111IIIHIIIIIIIIIIIIIIMIIM111IIIMIII11 Mllllljlllllll f
I Het eeuwige Woord komt om te |
| beminnen en om bemind te worden ; 1
| welk schepsel zal de eerste plaats in | '
i deze liefde innemen ? f J
| Alleen uwe keuze, o mijn God, zal |
1 over de rangen en voorwaarden be- 1
| slissen ; maar Gij moet eene Moeder é
1 hebben volgens uw üart, eene Moeder, 1
| welke Gij vormen zult door tot dit on- |
| vergelijkelijk meesterstuk al de hulp- 1
| middelen uwer wijsheid, uwer macht | M
| en opperste goedheid te gebruiken. 1
| Deze Moeder is Maria. Gij riept |
| haar uit het niet te voorschijn, en zij 1
| verscheen vlekheloos en geheel schoon. |
| Gij bestemdet haar voor uw Heilig 1
| Hart, en zij brengt het reeds door |
| hare blikken in verrukking en wondt 1
| het met eene onuitsprekelijke liefde.11) |
1 IL I j
à ONZE LIEVE VROUW VAN HET HEILIG HART HE- =
| ANTWOORDT AAN DEZE KEUZE VAN GOD VAN HET |
| EERSTE OOGENBLIK HARER ONTVANGENIS AK. =
| Toen de eerste Eva, met onschuld |
| (1) Vulnerasti oor meum, soror mea |
| sponsa, vulnerasti oor meum in uno oco- |
| lorum tuorum (Cantic. IV. 9.) i
IIIIIHMMIIMMMMIIIIIIIIMIIIMMMMMMMMMMMIMIMIIMIIIIIIMMMIMIMMIMMIIIIIMIIMIIIIII
i 28 i
liiiiiiiiiiiiiiiiinmimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitmmiiiiiiiiriiiiiiw
I bekleed, uit de handen van haren God |
1 te voorschijn kwam. deed zij tot Hem 1
| hare eerste liefde verzuchting-opstijgen. |
f 1 Welk een kreet van dankbaarheid |
1 moest niet aan hare ziel ontsnappen |
1 voor Hem, die haar uit het niet voort- |
| gebracht en geroepen had tot de be- |
i schouwing zijner grootheden en zijner |
| werken ! |
1 Maar, wat zullen wij zeggen aan- i
| gaande de gevoqjens der ware Eva, |
1 wanneer zij in het eerste oogenblik |
| harer Onbevlekte Ontvangenis, door |
_ 1 een bijzonder voorrecht, de oogen der 1
T | ziel opent voor de wereld der genade, ='
1 vóór zij de oogen van haar lichaam 1
| opent om de natuur te aanschouwen ! |
1 Met welk eene kracht zal haar gebed |
| tot den schoot van God zijn opgestegen, |
1 om er het waardige voorwerp harer |
; verzuchtingen en verlangens te zoeken! |
I Medegevoerd op de vleugelen der |
^ | Goddelijke liefde, drong zij, volgens |
1 het denkbeeld van den gelukzaligen |
i | Albertus den Grooten (1) door tot de |
1 (1) Alb. M. in Maria. XVIII. 9. | â
tiiiiiuiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuriiiim
29 I
f
| ingewanden der Goddelijke barmliar- |
| tigheid, en kwam er uit te voorschijn I
| terwijl zij den eenigen Zoon van God |
1 met zich medevoerde. Het Goddelijk ï ^
| Woord begon van toen af een leven van |
| genade en liefde in deze Maagd, die 1
i voorbeschikt was om zijne Moeder en |
i deWelbeminde bij uitnemendheid van |
| zijn Heilig Hart te worden. |
[ III.
| TOEPASSING. f
| Maria roept ons slechts tot zich om
| ons naar het Hart van Jezus te gelei-
1 den. Het is dus van belang, zoo wij de
| genaden willen benuttigen, welke deze
| teedere Moeder voor ons bewaart, ons
| geheel aan dit Goddelijk Hart over te
1 geven. door aan Hetzelve reeds bij voor-
| baat al onze gedachten, onze woorden,
| onze genegenheden, ons lijden en onze
| werken op te dragen, om er volgens
| zijn welbehagen over te beschikken.
| Het is in dusdanige gesteldheid, dat
| Onze Lieve Vrouw van het Heilig
i Hart voor ons de kostbaarste genaden
«lltitmillllllllllMtlllllllllllllllllMMIIIIIIIIMIIIMIIIIIMMMfllllllMIIIIIIIIIIIIMIIIIIIIinillM 11111111
1 30 | !
â¦
i!
7
fiiiiiirMiirmmiimnimimiiiimmummmnmiimmmimMMmmnmiimmiiiiiiii»'
1 van zaligheid zal kunnen verkrijgen, i
| Oefening. In de handen van Onze |
i Lieve Vrouw van het Heilig Hart het 1
^ | offer van geheel ons zeiven aan het |
1 H. Hart van Jezus nederleggen, terwijl |
| wij met de gelukzalige MargaretaMaria i
1 verzoeken, dat deze daad bij iedere |
1 klopping van ons hart als hernieuwd |
= worde beschouwd tot aan het, einde |
i van ons leven. |
| Schietgebed. Onze Lieve Vrouw |
ï van het H. Hart, wij bidden u, dat gij |
i | ons als uw eigendom aanbiedt en toe- |
* i wijdt aan het H. Hart van den aan- |
i biddelijken Jezus. (1). I
| 4«* I.
| GESCHIEDENIS. |
i Broederschar) van Onze Lieve Yroino tan |
= het Heiliy Hart tot xcelslagen in moeihjhe =
i en hopelooze zaken. |
à De Broederschap van Onze Lieve Vrouw |
L | van het H. Hart werd opgericht met het |
= I i (1) Geschriften van de gelukz. Marg. = | I | Maria. II. 478. |
â¢iniiiTiinniiiiiiiimniiiiiiimmiinmiiiiimmmiiiiiiimnMmimmmimmiiiiiiriiiiiwf
miiiiiiiMiiiiiMiniiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiniiiMiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiuMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
doel, te bidden voor het welslagen in moei- i
lijke en hopelooze zaken, zoowel in het | geestelijke, als in het tijdelijke.
Men gat' daardoor aan Maria een verhe- |
ven bewijs van vertrouwen, dat niet beter ge- =
plaatst kon worden. Kan zij niet, daar zij Onze |
LieveVrouwvanhet H. Hartvan Jezus is, in =
ditGoddelijkHart met volle handen alle ge- =
naden putten, welke ons noodig zijn ? En in |
welk.oogenblik kunnen wij de genade min- |
der missen, dan in de uren van hevigen strijd i
met het lijden, de beproeving, de bekoring |
en de wanhoop ? 1
Wie zal ooit de vertroostingen kunnen |
opnoemen, die deze Broederschap reeds =
óver de grootste ellenden heeft doen afdalen? =
Sedert Juni 1864, tot op het oogenblik |
waarop wij deze regels schrijven , zijn =
meer dan twintig millioen moeilijke of |
hopelooze zaken door brieven aan het mid- jj
delpunt der Aartsbroederschap, telssoudun, =
aanbevolen geworden, en door de Annalen |
van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart. ï
aan onze ontelbare leden bekend gemaakt. Ã
Deze aanbevelingen bereiken somtijds het |
getal van driehonderdduizend in ééne |
maand... Niets is treffender dan alle Don- |
derdagen en Zondagen, op de bijeenkomst =
der leden te Issoudun, die duizenden jam- |
; merklachten te hooren , welke van alle =
; oorden der wereld in het heiligdom van =
i Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart |
: bijeenkomen. Het zijn moeders die de ge- i
1 nezing vragen voor hare kinderen, godvruch- 5 iiniiiiiiiiiiiitiiiiiminiiiiimimiimmiiiiiiimiiiitiiimiiiimmiiiiiiiiiiMiiiiiimiiiii
32 1
im
niimimiiimniimiiiiiiimiiiiimiiiiiiimimiiimimiiiimimiimiiiiiiimiiiim
I tige zielen die den terugkeer afsmeeken van
i een verloren zoon ot eene afgedwaalde
| Magdalena, ontroostbare echtgenooten.ver-
1 stokte zondaars, voortdurende smarten,
i ziekten zonder hulpmiddelen, zaken zonder
| uitkomst, en onoverkomelijke gevaren____
i Al die lijdenden roepen te zamen : «Wij
i hopen op u, o On^e Lieve Vrouw van het
1 Heilig Hart, gij ^ijt de Hoop der hope-
i looien... En gij, onze vrienden. Leden der
| Aartsbroederschap van Onze Lieve Vrouw
= van het Heilig Hart, bidt voor ons, verkrijgt à voor ons de gewenschte hulp.»
jiliuiiiiimiiitiiiMiimiimiMiiiiinMiiiiiitiiitiiiiiiiiiimmiiiiiiiliiliMliiiMniiJiitilimii
1 33 3 i
â¢lllllllilllUllllliilllllllllllllllllrflllllllllllllllllllllllllllllllliniilllllllllllllllMillllllllllllt
- E 3
1 i
rSgt; 3
i'I 1111 u 11111111111 n 11111 u 111111111111111111111111 n i u 111 i
1
| TWEEDE DAG.
= Voorbereiding van Maria tot hare
1 verheven roeping. â Het Hart van
| Jezus roept ons tot Heiligheid.
= Ik zal haar in de eenzaam-
E heid leiden en tot haar hart
| spreken. (Osee II. 14)
f I'
1 OPDRACHT VAN MARIA I\ DEN TEMPEL.
ARIA gevoelde zich reeds op I
den eersten dag van haar be- |
staan tot God getrokken. |
I Afgezonderd van deze wereld, zoekt |
I zij er te vergeefs het voorwerp van 1
| haar geluk ; niets bindt haar aan dit |
| leven : de vergankelijke vreugde van i
i hierbeneden is voor haar slechts droef- §
| heid, de rijkdommen slechts bedriege- f
i lijke schijn ; de duizenden stemmen =
quot;iinimnmtmmii
iKiimiiiiiimiitmiMiriMitiimiMiMinitiritmiiiiititiiiiimiiiiiiiiL
34 1
lllllinilllllllllllfllllllllllllllllllllMllllllllllllllllllllltlltllllllllllMIIIMIIIIIIIIMIIIIIlTllllll
i der schepselen kunnen haar niet ver- |
| hinderen, den Welbeminde te hooren |
| die haar roept. i
1 Zij gaat uit om Hem te zoeken. |
| De tempel, waar zijne heerlijkheid ï
| zetelt, heeft op haar een diepen indruk i
| teweeg gebracht ; het is de woning 1
| van den Allerhoogste, waarin zij haar |
i verblijf wil vestigen. Haar hart zal |
| gemakkelijker tot God opstijgen in de ï
1 schaduw zijner altaren, met den geur |
| der offerande, het gezang der levieten |
1 en hetgezucht der slachtoffers. Zij ver- |
| trekt, nauwelijks driejaren oud zijnde. I
I Engelen des Hemels, bedekt haar |
| met uwe vleugelen ; het is uwe Ko- 1
i ningin. Maagden van Israël, weest |
| haar geleide ; eenmaal zal men van u 1
| zeggen : u I)e dochters van Jeruzalem |
i hebben overvloedige rijkdommen ver- |
| gaderd, en Maria heeft haar allen over- |
| troffen, omdat zij als erfdeel het Hart 1
1 van Jezus heeft ontvangen. quot; f
| Treed binnen, o Maria ! nooit heeft |
l de heilige tempel eene zuiverder maagd i
| ontvangen, nimmer boden de priesters |
ï van de oude wet aangenamer eerste- 1
IIIIIIMMII III II1111 It 111111111111111II111111M1111111111111111111111111111111111M11111111111111 tlTf II111'
1 35 P
«MiiiMiiiiiMtiiinimiiiiiiiiiiiimiiiiiimMiiiimiiiiiiMiiiiiiiiimiitiiiitiimiiiiitiiti'ni,,,
1 lingen den Heer aan. I
| Zie,daarknieltzij.denieuweEsther, f
i neder voor den voet van den troon van |
i haarHeer en Meester,verlangend zijne I
1 dienstmaagd te worden, als de Koning |
| des Hemels liaar de hoede over zijn 1
| rijk toevertrouwen en haar als be- 1
1 waarster aanstellen wil van al de rijk- ï
1 dommen van zijn Hart I
ï II. |
| MARIA IX DEN TEMPEL. |
£ E
1 Thans zal voor haar het woord van |
| den Heiligen Geest vervuld worden : |
| « Ik zal haar in de eenzaamheid ge- \
| leiden en tot haar hart spreken. * \
| De Allerhoogste, die, volgens de |
| uitdrukking van den H. Geest, één i
| voor één de harten der menschen 1
| vormt (1), werkt op dat van Maria, iquot;
| met meer liefde, met meer genaden, |
| met meer goed gevolg, dan op al de i
| andere te zamen. |
= (1) Qui finxit sigillatim corda eorum. \ | Ps. xxxii. 15. |
MiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiminiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiirTiiiiii)
1 36 1
Dag en nacht is de Goddelijke Werkman aan het werk ; zonder ophouden werkt de genade op deze bevoorrechte natuur; de Meester wil die naar zijn eigen beeltenis vormen, en ze doen uitschitteren als een meesterstuk, dat in schoonheid, deugden en verdiensten, slechts dooi- het Hart van Jezus zal overtroffen worden.
Maria moge dan ook ieder uur, in den arbeiden de rust.bij dagen bij nacht hare bezigheden afwisselen, hare ziel blijft altijd open voor den Goddelijken invloed van Hem, die er zijn troon en woontente van wil maken.
Ill
TOEPASSING.
In navolging en onder de leiding van Onze LieveVrouw van het H Hart, moeten wij heiligen worden. Dat zegt het Hart van Jezus tot onze ziel, gelijk tot de gelukzalige Margareta Maria :
« Zie, mijne dochter, of gij een vader zult kunnen vinden met liefde voor zijn eenigen zoon vervuld, die ooit
iiiiiiuiiiniiimiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiitimiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiTiiini,
I zooveel zorg voor hem gedragen heeft, 1
| en die hem zoo teedere liefdebewijzen i
| kon geven, als die welke Ik u gegeven I
à heb, en u nog wil geven ; Ik die zoo- |
| veel moeite en geduld heb gehad, om 1
\ uvanuweteederstejeugdaf,naarmijne |
| inzichten te vormen, u, zonder moede |
| te worden, bij al uwen tegenstand, ge- |
| duldig afwachtende. » (1) |
1 En bij eene andere gelegenheid : i | « Weet, dat Ik een heilige Meester i
i ben, en de heiligheid leer. Ik ben zui- |
| ver en kan de minste smet nietdulden. 1
| â Ik zal u doen kennen, dat de over- |
| maat mijner liefde er Mij toe aangezet 1
| heeft om uw Meester te worden, ten 1
| einde u te onderwijzen en u naar mijne 1
| zienswijze en volgens mijne oogmer- |
| ken te vormen ; dat Ik geen lauwe en 1
| trage zielen kan verdragen, en dat, |
| zoo Ik ten opzichte uwer zwakheden 1
| toegevend ben. Ik niet minder streng |
| en stipt zal zijn, om uwe ongetrouw- 1
i heden te verbeteren en te straffen.» (2) i
| (1) Geluks. Marg., uitg. Paray, II, 312. 1 | (2) Idem 323. |
«iiiiiiMiiiiiniiiiiMiiiimiiiimmMiiiiiimimmiimiiiiiimmiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiïimiii
1 38 I
(niimmiii ii 1111 in 11 iiiim 11 tl I ui in 111 linn 11 li li 111 in iiiiitiii inn I ii in li ii in ui iiiiiiiiiUMi
I Gedurende den dag eenige |
| minuten in ernstige overweging door- |
1 brengen over deze vraag : Hoe is liet |
| met de heiligheid gesteld, welke het |
| Hart van Jezus van mij verlangt ?.... |
1 Schietgebed. O Onze Lieve Vrouw |
| van het Heilig Hart, die in de stilte |
| des tempels voorbereid zijt geworden |
| tot de liefde van het Hart van Jezus, |
1 bid voor ons. 1
| GESCHIEDENIS. |
| Vierhonderdduizend dankzeggingen |
| gebracht aan onze Lieve Vrome van het |
i Heilig Hart. i
| De duizenden gebeden, heilige Commu- =
i niën, verdienstvolle werken, zonder op- |
| houden door onze medeleden aan Onze 5
= Lieve Vrouw van het Heilig Hart aange- i
i boden, om door hare tusschenkomst het |
i welslagen van moeilijke en hopeloozir zaken, =
i in den hoofdzetel der algemeene Aartsbroe- |
1 derschap aanbevolen, te verkrijgen, blijven =
| niet vruchteloos. |
r Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart |
i van Jezus geeft meer dan men haar vraagt, i
| De ontvangen gunsten zijn ontelbaar. In | itiiiiiTiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii:iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiit*v
1' 39 1
iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii ii mini it iinin miiiniiii I iiiinMimi,ii,iâm
5 het tijdsverloop van twintig jaren, telt men i
= er reeds vierhonderdduizend, waarvan de 1
| authentieke verhalen, te Issoudun overge- |
| legd. nauwkeurig bewaard blijven, als het |
| schoonste eerbewijs aan Onze Lieve Vrouw f
| gegeven, zonder die velen mede te rekenen, |
| waarmede men ons Onbekend laat. |
| Deze krans, door de dankbaarheid ge- i
= vlochten, wordt eiken dag grooter. |
| Het zijn tijdelijke gunsten: onverwachte i
| genezingen, welslagen van gewichtige zaken, |
| oplossingen van moeilijkheden, hulp op Eet i
1 juiste oogenblik verleend. i
| Het zijn ook geestelijke gunsten: bekee- 1
| ringen in het laatste uur, terugkeer van i
| ketters tot het ware geloof, verlossing uit |
i het gevaar, verwezenlijkte roepingenquot; on- i
= danks alle hinderpalen, weldaden waarmede i
| Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart hare 1
| toegenegen ijveraarsenijveraarsters beloont; |
| duidelijke blijken harer voorspraak en hulp |
= in de werken, welke men onderneemt, om i
= haar te doen kennen en beminnen onder |
| den titel van Onze Lieve Vrouw van het 1
| Heilig Hart. |
| Wij zullen in dit boekje eenipe korte =
i voorbeelden dezer wonderbare feiten aan- i
| halen ; dcch men kan er een zeer 'groot |
| aantal van vinden in de Annalen van Onze =
i Lieve Vrouw van het Heilig Hart, welke |
| elke maand in twee afleveringen verschijnen i
= en mededeelingen bevatten over alles, wat i ..............................................................................................
i 40 i
'IMIlniMIMIIiMllllltllllllMirilllltllltltlllllllliniMIIIIIIIMIItlMIIMIIMlllllllllMIIIIIIMIIIU»'
I met de Aartsbroederschap in betrekking |
à staat, (i) |
| Al deze dankzeggingen moeten: io ons |
= vertrouwen opwekken en ons doen bidden, =
= vooral gedurende deze maand, voor alle |
| zaken in de Aartsbroederschap aanbevolen;â |
1 2° ons in herinnering brengen, dat, zoo |
i wij eenige bijzondere gunst verkregen heb- =
| ben, wij onzen kreet van dankbaarheid =
= moeten vereenigen met al diegenen, welke i
| reeds voor de glorie van Onze Lieve Vrouw =
= van het Heilig Hart weerklinken. |
(i) Om bijzondere zaken aan de gebeden der Aartsbroederschap aan te bevelen, of om de ontvangen gunsten kenbaar te maken, gelieve men te schrijven aan de Missionarissen van het Heilig Hart.
niiiit»-li
DERDE DAG,
Menschwording van den Zoon Gods. â Maria verkrijgt indit geheim moederlijke rechten op het Hart van Jezus.
Zie de dienstmaagd des Heeren. (Luc. I. 38J.
I.
MENSCHWORDING VAN DEN ZOON GODS.
ARIA zal Moeder worden van 1 den Verlosser, zonder op te ï houden Maagd te zijn. Het 1 heilig lichaam van Jezus zal uit haar 1 allerzuiverst bloed gevormd worden. | Het geheim der menschwording | wordt voorbereid. Reeds is het verblijf | in den tempel verwisseld met het huisje i van Nazareth. God heeft het aldus ge- 1
lt; 1111111 â 1111111 M11111111111111111111111111111111 â 1111
42
imitinmiiiiimiiiimimiiiiiiiiiiin
IIIIIIIIIIIIIIIMIIMIIIIIIIilllMIIIIIIIMIIIIIIidlIIIIIIIIIIIIIIIMIIIIIIIIIIIinillllMIIIIIIIIIIIIIIII»
I wild; maar helleven van onze Koning- 1
1 in verandert niet: hare verlangens |
i zijn dezelfde ; Zij verwacht en roept 1
f met hare wenschen den beloofden Ver- |
1 losser. Weldra staat een Engel vóór 1
| groet haar vol van genade. TX] |
i antwoordt met dat woord van verhe- i
| ven ootmoed: Zie de dienstmaagd des |
1 Heeren; mij geschiede naar uw woord. \
i Het is geschied ; het grootste der |
1 geheimen is voltrokken. Laat ons het 1
| vleeschgeworden Woord, in den maag- |
1 delijken schoot zijner Moeder aanbid- 1
| den ; Het kan lijden ; Het heeft |
| een lichaam ; â Het kan de wereld 1
| afwasschen en zuiveren : Het heeft |
| bloed ; â en zoo het ons van alle \
| eeuwigheid bemind heeft, omdat Het |
I God is, kan Het ons daarvan nu het |
1 tastbaarste bewijs geven, omdat Het |
| mensch is en een hart heeft, aan het 1
| onze gelijk. |
[ II. f
| MARIA HEEFT MOEDERLIJKE RECHTEN OP |
| HET HART VAN JEZUS. |
1 Indien Jezus, volgens de uitdruk- |
iiiimiiiiiiiiiiimiimiiimiimmiiiiiiimiiiiiiiiiMiiiiiimiiimiiiiiiiimiiiMimmiiiiiiMi
i 43 i
«iiiniiiiiiiiiiimiiimiiiiiiifiiiiiiiiiimmiiimiiiiiiiiiiMMmiiiiimiiimiiiiimiiiiiniiiiii
I king onzer heilige boeken, van het 1
| eerste oogenblik zijnei' menschwor- |
| ding af, de wet van zijn hemelsehen |
1 Vader in zijn Hart heeft geschreven |
| gevonden, heeft Hij ook in datzelfde 1
| Hart een onwederstaanbare neiging f
| tot dankbaarheid en liefde voor zijne 1
| heilige Moeder gevoeld. Moest Maria f
| niet hare toestemming geven, om op i
| deze aarde te kunnen afdalen en de 1
| gedaante van een slaaf aan te nemen, 1
| om onze zonden uit te wisschen ? |
| (i Bid voor ons, ogelukzalige Maria,» 1
| riep Bossuet uit (IJ : «gij hebt. als ik |
| het zeggen mag, den sleutel der God- 1
= delijhe zegeningen in moe handen. |
| Uvj Zoon is deze geheimzinnige sleic- |
1 tel, waarmede de schatkisten van den |
| eeuwigen Vader v:orden geopend: Hij 1
| shdt en niemand opent ; Hij opent en |
| niemand sluit. Zijn onschuldig bloed i
| doet de schatten der hemelsche gena- i
| den over ons afstroomen. En aan icie 1
| anders zal Hij meer recht geven op |
| (1) Bossuet, Redevoering over het me- i = delijden van de Allerheiligste Maagd. |
aiiiiiiiiiiiiiiiimif'MniiiiiiiiiiiiMiiiimiimmiiiiiiiiiiiiMiiiiritiiiitiiiiiniiiiiiiiiiTiiiii*-
| 44 1
mtmiiiiiiiiimiimiiiiimiiimmiiiiiiiiMtiiiiMiiiiiiiiiiil»
l dit bloed, dan aan haar, uit wie al | | zijn bloed is voortgekomen ? Zijn | 1 vleesch is uw vleesch, o Maria ; zijn | | bloed is uw bloed, ; en het schijnt mij | 1 toe, dat zijn kostbaar bloed er behagen | | in vond, voor u in breede stroomen op | 1 het Kruis te vloeien, icel gevoelende, \ | dat gij de bron waart v-aar uit het i ï voortkwam. Voorts leeft gij met Hem | i in eene zoo volmaakte vriendschap, | | dat het onmogelijk is, dat gij niet | | zoudtverhoordworden.Daaromraocht | i uw vrome dienaar, de heilige Bernar- | 1 dus, loei vragen, dat gij zoudt spreken | i tot het Hart van Onzen Heer Jezus | i Christus. |
| ii Loquatür ad cor Domini Nostri | i Jesu Christi.d I
| III. |
| TOEPASSING. 1
1 Het Hart van Jezus wil tot ons ko- |
| men, en op ons rust de verplichting |
1 tot Hem te gaan. |
| Onze Lieve Vrouw van het Heilig |
i Hart zal onze bemiddelaarster zijn; zij |
â llllirillllllllllllllHllllllllllillllllllllllllllllllllillllllllUlilllllillllllllllllilHIIIIIIII^UIIIt
i 45
(IIMIIIIIIIIIMIM
iftniiriiiiiiiitiimMmiriiiMiiimiimiiiiiiiMMimiiiMMiMiiiiimMiiiiiiiimiMiiMMinitim
I zal ons Hart voorbereiden, gelijk zij 1 | het hart van de gelukzalige Margareta | | Maria heeft voorbereid, tot wie Onze i | Heer eens deze troostende woorden f | zegde; «Ik heb u aan de zorgen mijner i f heilige Moeder toevertrouwd, opdat | f zij u volgens mijne oogmerken zou 1 I vormen. » (1) |
| En de gelukzalige verhaalt het vol- I I gende feit : i
| « Ik zag.» zegt zij, « een verhevene, = | wijde en wonderbaar schoone plaats, | | in wier midden zich een troon van 1 | vlammen verhief ; daarop rustte het | | beminnelijk Hart van Jezus rnet zijne f | wonde, welke zulke vurige en schit- l .| terende stralen van zich afwierp, dat I i de geheele ruimte er door verlicht en | | verwarmd werd. De heilige Maagd 1 | stond ter zijde... Zij noodigde ons uit i | door deze moederlijke woorden :A'ohilt;, \ | mijne icelbeminde dochters, nadert. | | want ik teil u bezitsters maken van ; | dezen kostbaren schat, welken de God- | | delijke Zon van rechtvaardigheid in i
| (1) Gelukz. Mary., Paray. II. 304. 1 «nfniifiiiiiiiiiiiiiMiiliiiitimiiiiiiiiiiiMiitiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiHiiiriiiim 1 46 1
tiiiiiifnmiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimmiiiimiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiifiiiiiifc
I de maagdelijke aarde van mijn hart |
1 gevormd heeft, v:aar Hij negen maan- |
| den verhor gen geweest is, waarna Hij |
1 zich aan de rnenschen heeft geopen- |
| haard ; maar de toaarde er niet van |
1 kennende, hebben zij Hem veracht...* \ | Zoo spreekt tot ons allen Onze |
1 Lie^e Vrouw van het H. Hart. De |
| mate onzer godsvrucht jegens haar, |
1 zal aan het Hart van Jezus de mate |
| aangeven der genaden, welke het over |
i ons moet uitstorten. |
| Oefening. Met liefde de godsvrucht |
1 tot Onze Lieve Vrouw van het Heilig |
| Hart omhelzen en dezelve met ijver |
1 rondom ons verspreiden. ï
| Schietgebed. O Onze Lieve Vrouw i
1 van het Heilig Hart, bekleed met eene |
| moederlijke macht over het Heilig 1
1 Hart van Jezus, bid voor ons. ^
â«SS-
miiHliiiiiimmiiiiiiniiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiitiimiiiiiiiiiinitiiiKiiiiiiiiiiiiiii»
l 47 1
aiiiiiMitiiiiiiiiiniiuiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiniiiiiiiiiiiuiiiiiininiiiiiniiiiii
I GESCHIEDENIS. |
f Kroning van het beeld van Onze Lieve \
| Vroitw van het U. Hart, te Issoudun, i
= in naam van den Paus. |
1 De 8 September 1S69' wasvoorde Broe- |
=, derschap een overgetelijke dag. |
i Pius IX had de wonderen vernomen van i
i de opkomende Broederschap, en tevens de |
I gehechtheid der nieuwe leden aan de zaak i
I van den Heiligen Stoel, a O, n riep hij uit |
I « wat is On-e Lieve Vromo van het Heilig E
I Hart toch goed! n Vervolgens, eigenhandig ï
= zijn naam aan den voet van een afbeeldsel van |
I OnzeLieve VrouwvanhetHeilig Hart schrij- =
= vende, voegde hij er deze woorden bij: 1
I Pius IX, die de Heilige Maagd óMaria |
I wenscht te beminnen. (1) i
I Om een nieuw bewijs van deze liefde te |
I geven, verleende de Paus de machtiging om =
= het wonderdadige beeld van Issoudun met i
I een gouden diadeem plechtig te kronen. H
= Het is onmogelijk de vreugde te beschrij- =
I ven, waarmede door de godvruchtige zielen |
I der geheele katholieke wereld die onver- =
§ wachte gunst werd ontvangen! . . . .
I Den 8 September 1869 kwamen voor deze |
I buitengewone plechtigheid vijftien aarts- i
= bisschoppen, bisschoppen en kerkvoogden |
I uit Frankrijk te Issoudun aan, benevens =
5 (1) Pius IX qui desiderat diligere B. M. V. =
«iiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiniiiin
1 48 1
iiiiiiiiiiinitmimnimmiiiiiimiiniimiimmimiiimiiMiiimiiiiiiiii
achthonderd priesters, dertigduizend pelgrims, met de banieren der verschillende heiligdommen van Onze Lieve Vrouw, zelfs uit vreemde landstreken. Vier bisschoppen verkondigden dien dag de heerlijkheid van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart met voortreffelijke welsprekendheid.
Het heilig Misoffer werd plechtig opgedragen te midden eener ontelbare en ingetogen menigte op een altaar, dat op het plein was opgericht.
Doch niets trof de aanwezigen zoo diep, als het oogenblik waarop de waardige Aartsbisschop van Bourges, door Zijne Heiligheid voor deze groote daad afgevaardigd, en omringd door zijne eerbiedwaardige broeders in het Episcopaat, op het verrukkelijk schoone marmeren beeld van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart, de kostbare kronen kwam nederzetten: de eene op het hoofd der Moeder, de andere op het hoofd van haar Goddelijken Zoon.
Maria was gekroond onder den titel van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart van Jezus.
Van dit oogenblik af vermenigvuldigen zich de reeds zoo talrijke gunsten altijd meer; en wij kunnen met waarheid die schoone woorden nazeggen, welke men op een der banieren tijdens het feest las:
O. L. V. van het Heilig Hart zegepraalt.
De aarde kroont haar, en de hemel juicht
toe.
miiiiiiiiiiiiimiiiimuimmiimimiiiiiiiiimiimiiiiiiiiiiimmiiiiiiiitii
4
49
VIERDE DAG,
Leven van het Hart van Jezus in Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart. â Leven van het Hart van Jezus in ons.
Een is uw Meester, Christus. vMaïth. XXIII. 10)
E LEVEN VAN HET HART VAN JEZUS IN =
= ONZE LIEVE VROUW VAN HET HEILIG HART. 5
.s ET Woord van God is vleesch | h| geworden in Maria, die de | »a: eerste vreugde van zijne te- |
| genwoordigheid heeft gesmaakt; alleen 1
1 de Engelen zijn in het geheim inga- |
I -wijd. |
1 Tot hiertoe had God de Maagd door |
| zijn® profeten onderwezen ; heden 1
i E '«iiiiiuiKiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiitiiiiiiiimiiiiiiiinimmimmmiiimiimiimiiiimiiim
50 1
ii iinnii 11111111111111! 111 m 11111 n 11 ii 111111111111111111111111111111111111111111 in I inn iiiiiimi iimt
1 spreekt Hij tot Haar door zijn Zoon. |
I Zij is geheel van zijne liefde door- i
1 drongen; Zij leeft voor Hem, in Hem i
| en door Hem ; Hij leeft voor Haar, in i
| haar en door haar. |
| O onuitsprekelijke vereeniging,wie |
| zou de inwendige gemeenschap kunnen |
| begrijpen, welke er tusschen het Hart 1
| der Moeder en het Hart van den Zoon |
i bestaat ? |
| Welk verschil tusschen de uitwen- |
1 dige wonderen, welke de Verlosser |
| later ten gunste der mensehen zal |
1 doen, en die, welke Hij in den maag- |
§ delijken schoot van Maria bewerkt ! |
1 Daar zal Hij op weerstrevende of ten 1
| minste onverschillige stoffen werken ; |
| hier werkt Hij op eene ziel, waarin 1
| alles zich vereenigt, om het goede zaad |
1 der zaligheid op de bewonderenswaar- 1
i digste wijze vruchten te doen dragen. |
5 i
1 lL |
z 5
z LEVEN VAN ONZE LIEVE VROUW VAN HET i
i HEILIG HART IN HET HART VAN JEZUS. 1
1 « Indien deH. Maagd,» zegt de |
r 5 uuiiiiiiiHiiiuiiiiiiiiiiMiiiimiiiiiiiimiiiiimiiiiiiiiiimiHiiiiiiiiiiiHiiiiiimiiiiiiniiiiu
i si i
miiiiiifiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiMiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiJiiiiiii
1 kardinaal de Bérulle, « zoo zorgvuldig |
| was, gelijk de Evangelist ons op twee |
1 plaatsen leert, om de daden en woor- 1
| den,zelfs van anderen, met betrekking 1
1 tot haar Zoon te vergaderen en ze in |
| haar hart te bewaren, zonder een en- l
1 kei woord daarvan te verliezen, hoe- |
| veel te meer zal zij dan opmerkzaam 1
| geweest zijn op de inwendige hande- |
| lingen van haar Zoon en op de zachte 1
| kloppingen van zijn Hart.» (1) |
| Doch het is niet genoeg dat Maria |
| door de gedachte en de beschouwing |
| in het Hart van Jezus leeft ; zij leeft |
| er door hare daden en door de macht, |
| welke zij bezit van als moeder te han- |
| delen. 1
1 Hooren wij wat de heilige Bernar- |
| dinus van Siëne zegt : « Daar in den i
1 schoot der heilige Maagd geheel de i
| Goddelijke natuur is opgesloten, zijn |
i wezen, zijne macht, zijne wetenschap, 1
ï zijn wil, vrees ik niet te zeggen, dat |
= zij eene soort van rechtsmacht heeft |
| (1) Wer hen van den kardinaal de Bérulle, \ | uitgave van Migne T. 1.
nniiijimmiimiiiiiiiimiiinimiiiMiiiiiimimmmiiimiiiiiimiiiimiiiiimiiMiuTtiiii»
52
â¢itiMMMmiimiimiimmiiiMiiiiiimmiiiniimimmimimmmiii'iiiiniiimiiMiimiini
1 uitgeoefend over de uitstortingen van |
I alle genaden, zij, uit wier schoot, als 1
I uit een oceaan der godheid, zijn voort- |
| gesproten de beken en stroomen van 1
1 alle genaden.» (1) |
| Het Hart van Jezus was dus het ï
1 element, waarin Onze Lieve Vrouw |
| van het Heilig Hart leefde. Daar waren i
i hare gedachten, hare wenschen, hare |
| genegenheden, hare daden. Zij kon i
i zeggen ; «Mijn Welbeminde is in mij |
| en ik in Hem,» en nog : «Ik ben het |
1 niet die leef, het Hart van Jezus leeft |
| in mij.» |
1 IIL 1
| TOEPASSING.
1 Het Hart van Jezus leeft in ons en |
| wij leven op tweeërlei wijze in het- |
1 zelve : |
| 1° Door het leven der genade; zoo- 1
i lang onze ziel zuiver blijft van dood- |
| zonde, kunnen wij aan het Hart van 1
i (1) De H. Bernai-dinus van Siëne, aan- |
i gehaald in het ollicie van het inwendige |
| leven van Maria. M. Olier, II. 438.
tmnijiiiiiiiiiiMfii.MiiiimiimmimiiiiiiiimiiiimiiiMmimiimimiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiii»
1 53 1
niiiiniiiimmiiiiiiiimimmimiiiiimiimiiimiiiitimiiiimiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiin
I Jezus onze gebeden, ons lijden en onze i
| werken opdragen, en ze verdienstelijk |
| maken voor den hemel. Een zoodanig f
| leven werd op eene uitstekende wijze |
| aan de gelukzalige Margaretagesclion- |
| ken, toen Onze Heer haar zeide ; |
i «Mijne dochter, ik hen tot v. gekomen |
| om mijne siei in de plaats van de moe |
| te stellen, zoo ook mijn Hart en geest, |
1 opdat gij slechts door Mij en in mij |
| levet. i) (1) |
| 2° Door het sacramenteel leven, =
| waaraan wij in de heilige Communie |
| deelachtig worden, en dat in ons won- |
| deren van genade kan teweeg brengen, i
| indien wij er getrouw aan zijn. De 1
| Gelukzalige ontving van het Heilig i
| Hart dit leven in alle volheid : « Als i
| ik tot, de Communie naderde, deed mij |
| mijn Jezus verstaan, dat Hij zelf in 1
| mijn Hart het heilig leven, dat Hij in |
1 het heilig Sacrament leidt, kwam in- 1
| prenten, het voor de oogen der men- |
1 schen geheel verborgen en verootmoe- 1
| digd leven, het leven van dood en |
i Q) Levender Gehihs.Vamp;va.y, =
aiiiinifiiimiiiiiiiiMiiiiinimiiMimiMiiiiiimiiiiimiiiiiiiimnmmimiiiiiiiimimiinii
i 54 i
---
i = iiiiiHiiinMiiiiiiiiiimiiiimiiiimiHMiiimMiMiniiiiiiiMtinmiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiint
1 opoffering, en dat Hij mij de kracht |
| verleende te doen, wat Hij van mij f
| verlangde.» (1) |
| Moge Onze Lieve Vrouw van het i
| Heilig Hart ons de genade verkrijgen, |
| te leven overeenkomstig het leven van 1
| het Hart vau Jezus. |
| Oefening. Onze Heer Jezus Chris- |
| tus inliet heilig Sacrament des Altaars i
| bezoeken. |
i Schietfjehed. Onze LieveVrouw van |
| het Heilig Hart, levende van het leven |
1 van het Hart van Jezus, bid voor ons. 1
1 GESCHIEDENIS.
| Oprichtinf)van de Broederschap van Onse ï
1 Lieve Vrouw van het Heilig Hart in i
i Nederland, en Duitschland. |
= In de maand Maart van het jaar 1866 |
| ontving een jong meisje, Hubertine Demar- I
i teau génaamd, pensionaire in het klooster |
1 der Ursulinen te Sittard, van hare moeder, |
| welke te Luik woonde, eene kleine medaille =
= der H. Maagd. Deze medaille droeg de |
1 (1) Leven der Geluhz., Paray, 1.1. p. 196 |
ttiiiimmnimiiiiM'MiiiiiMMimimiimiimniimmmmiiimriiiiiiiiimiiiiimiimiiiii»
1 55 1
iiiiiii nil ii 111 â I it 11 â 11M1111111111111111111M111111111111111111111 â 111 ii mill hi I mi Him I mi iTiiiim
= beeltenis van Onze Lieve Vrouw van het f § Heilig Hart, wier naam en afbeelding in het i
E klooster nog onbekend waren. i
i Talrijk waren de vragen der leerlingen = | en der religieuzen, om te weten, waar Maria i = onder dezen zoo behagelijken titel werd 1
= vereerd..........=
= Daar alle nasporingen vruchteloos bleven, | = en de devotie alle dagen grooter werd, nam i | men het besluit,1 alle dagen de H. Maagd |
= aan te roepen, door drie en dertig maal het f | Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart, = | bid voor ons, te herhalen . . . Den 29 Juni | I van hetzelfde jaar, had eene pensionaire, = § Agnes Verheggen, het ongeluk eene fijne |
= naald in te slikken, die haar leven in gevaar =
I bracht ... De geneesheer wanhoopte aan i
= het behoud van het kind ; de religieuzen en |
1 kweekelingen waren allen in diepe versla- =
= genheid. Men komt eensklaps op het denk- |
I beeld zijne toevlucht te nemen tot de Maagd |
= der geheimzinnige medaille, welke men ^00 i
= liefhad. De gelukkige bezitster van dien |
1 kleinen schat, ontdoet zich daarvan voor een =
z oogenblik, om ze de jeugdige zieke om den i
= hals te hangen ; de aanroepingen beginnen, |
I en terwijl het gebed onder tranen van ver- i
I trouwen en droefheid wordt opgezonden, i
5 spuwt het kind de naald uit, en is gered! |
I Op dit gezicht neemt de devotie tot Onze i
= Lieve Vrouw van het Heilig Hart toe ; men i
i â wil medailles hebben, men wil het bevoor- i
I rechte oord kennen, waar Onze LieveVrouw |
= van het Heilig Hart wordt vereerd ... |
â¢iiiiiiJiiiitiiiiimiiiiiiiiiimiiimiimmimiiimmmimiimiiiiiiiimmmmiiiiiinTiuii»
1 56 1
............................................................................................
| Men moest echter nog bidden en wachten |
1 tot in December i860 ... =
1 Op dit tijdstip kwam er eene Ursuline te |
= Sittard, die een pelgrimsreis naar Issoudun :
1 had gedaan en daardoor tot in het diepste i
| harer ziel was getroften. w. Ik qal dat hei- =
= ligdom van On^e Lieve Vrouw ran het i
i Heilig Hart nooit vergeten. »zeidezij. |
| Dit woord had het uitwerksel, alsof het =
= eene openbaring ware geweest... Te Issou- |
1 dun dus houdt O. L. Vrouw van het Heilig |
| Hart haar verblijf! Men laat zich alles uit- i
i leggen, men wil alles weten, men schrijft =
| om lid der Broederschap te worden, en den i
= 6 Februari 1867 waren pensionoiren en reli- |
I gieuzen de eersten in Nederland, die zich |
= onder de banier van Onze Lieve Vrouw van =
= het Heilig Hart schaarden. De dankbaarheid |
I ging verder; er werd te Sittard een prachtig |
= beeld geplaatst van Onze Lieve Vrouw van i
I het Heilig Hart. De zoo ijverige religieuzen |
= Ursulinen van Sittard hebben sedert vier i
I millioen leden aan de Broederschap van |
I Issoudun verschaft, en in zeven jaren meer | 1 dan twintigduizend gunsten verkregen.
I Aldus breidt Onze Lieve Vrouw van het |
i Heilig Hart haar werk uit, en beloont zij =
1 den ijver harer kinderen. i
I Den 16 September 1872, werd de jeug- =
5 dige Agnes Verheggen, die de kleine me- i
I daille van Onze Lieve Vrouw van het Heilig =
I Hart niet meer had willen teruggeven, als i
à religieuze in hetzelfde klooster te Sittard |
5 aangenomen, waar zij den naam van Zuster = luiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiu»
i 57 i
«iiiiiijiiiimiiimmimiimiimiiiiimmiiiiiiiimiiiiiimiimiMiiiiiiimmiMiiiimiiiiiiii
i Alphonsa van Onze Lieve Vrouw van het i
| Heilig Hart ontving ... De jeugdige Huber- |
= tina Demarteau, getroffen door hetgeen hare =
i kleine medaille had uitgewerkt, ging in i
= hetzelfde klooster, den 6 Januari 1S72 en |
I nam den naam aan van Zuster Maria van =
I Jezus ... En Paus Pius IX heeft zich ver- i
= waardigd, den 11 December 1873, het beeld E
; van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart i
r fe doen kronen in het klooster der Ursulinen |
= te Sittard. =
I De godsvrucht tot On^c Lieve Vromv van |
= het Heilig Hart werd weldra in geheel =
1 Holland verspreid, dat talrijk en waardig i
= was vertegenwoordigd bij den groeten =
i katholieken pelgrimstocht, die den S Sep- i
I tember 1873 plaats had. |
= Van Holland uit verspreidde zich de i
i Broederschap van Onze Lieve Vrouw van i
= het H. Hart al spoedig in Duitschland,voor- |
i namelijk in Rijn-Pruisen, dat aan de Vereeni- i
= ging een aanzienlijk getal leden verschaft. =
= De uit Issoudun verjaagde Missionarissen i
I kwamen de gastvrijheid van het Katholieke, Ã
= edelmoedige Nederland inroepen, en tege- |
ï lijkertijd medewerken aan de uitbreiding i
I der Aartsbroederschap in deze streken. |
= De sedert Maart i883 in het Hollandsch, |
I en sedert de maand November van hetzelf- i
H de jaar in het Duitsch uitgegeven Annalen |
§ zullen hen krachtdadig helpen, om de i
I liefde tot Onze Lieve Vrouw van het Heilig |
i Hart te doen toenemen. |
«iiiiimniiiiMtiiiiiiiiiiMMiiimiiiiMMntitnimtiiiiMiiinimiiiMiimiMiitiiiiiiimiiiiniii
1 58 1
1
I VIJFDE DAG.
1 Onze Lieve Vrouw van het H. Hart,
i eerste Apostel van het Hart van
i Jezus in het geheim der Visitatie. â
i Het apostelschap van het H. Hart.
= Ziet, op de bergen zijn de voe-
E ten van Dengene, die de blijde
r boodschap brengt en den vrede
= verkondigt (Nahum I. i5).
i.
HET HART VAN JEZUS OEFENT ZIJN APOSTELSCHAP DOOR ONZE LIEVE VROUW VAN HET H. HART UIT.
AT wil het Hart van Jezus van |
zijne eerste kloppingen af ? |
God verheerlijken door de |
zielen zalig te maken, en over het i
gansch heelal de Goddelijke liefde- |
vlammen verspreiden, waardoor het 1
wordt verteerd. « Ik ben gekomen, » |
IIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIMIIMII
uiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiimmniiiiiiiiiiiiiiiiim
f 59
aiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiimiiiiimiihiiiiiiiiimiiiiiimiiiiimiiiiiiiiiiiiiHMiiitifiii
I zegt hij. « om het vuur op de aarde te 1
| brengen ; en wat wil ik, dan dat het |
| ontstoken worde ? » |
| Met de innigste geheimen van dit |
| aanbiddelijk Hart bekend, werkt Maria 1
| heiliglijk met haar Goddêlijken Zoon |
| mede aan de uitvoering van een groot 1
| plan. Als Koningin der apostelen, doet i
| zij het eerste den machtigen invloed 1
| van dit oneindig goede Hart, dat op |
| het hare rust, naar buiten gevoelen ; |
| zij verlaat hare woning, zij beklimt 1
| de bergen en gaat in het huis harer |
| nicht Elisabeth de eerste zegeningen 1
| van haar apostelschap uitstorten. 1 Het inwendige onderhoud met het f
| Hart van J ezus verkort den langen weg, i
| en ontvlamt de ziel van Maria, zoodat zij |
| bij hare aankomst aan de poorten van 1
| Hebron, met de discipelen van Em- |
| maüs kan zeggen : Brandde mijn \
1 hart niet in mijn binnenste, toen die \
| verborgen God den geheelen weg langs 1
| met mij sprak ? |
| De bloem wordt door haar geur verra- |
| den; de heiligheid van Hem, wienMaria |
| met zich draagt, deelt zich naar buiten 1
â¢mHiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiimiiiiMiiiiiiimiimiiiiimiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiïiiiiiH
I 60 i
n iiiiimiiiiiiiiiiiimiimiiiiiiiimiiiiiiiiiMimiiimmmiiiiiiiiiiiiiiiMiiHiiiimiiiiiiiiiiii»
| mede : Van xoaar geschiedt mij dit, |
| dat de Moeder mijns Heeren tot mij |
| homt ? roept Elisabeth uit. Nauwe- |
| lijksheeftuwe stem niijnoorgetroifen, |
| of mijn kind sprong in mijn lichaam |
| van vreugde op. |
I II. I
| GEVOELENS VAN ONZE LIEVE VROUW' VAN |
| HET H. HART IN DIT APOSTELSCHAP. |
| Maria, niet- langer de liefde en den |
| ijver, waarmede liet Hart van Jezus |
| haar heeft vervuld, kunnende verhor- |
1 gen houden, doet dat lied van dank- |
| baarheid hooren, dat de gansche ka- |
1 tholieke wereld, sedert achttien eeu- |
à wen met vreugde herhaalt : u Mijne 1
i ziel verheft den Heer, en mijn geest |
| heeft zich verheugd in God mijnen |
| Zaligmaker, omdat Hij op de gering- |
| heid zijner dienstmaagd heeft neer- |
| gezien ; want zie, van me af zullen |
I alle geslachten mij zalig noemen, i
à Want Hij, die machtig is, heeft groote |
| dingen aan mij gedaan. En zijn 1
| naam is heilig en zijne bajt^mhartig- \
iiiHiüniiiiiimiiiiiiiiuiiiiiiiiiumiiiiiiiiiiiiHiiimiimmiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiiiiiiHiHittm
1 61 1
miliüimimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiinsiiiriiiiiiijiiiui
I heid is van geslacht tot geslacht over I
I hen die Hem vreezen.» |
I Herlezen en overdenken wij in de |
I stilte onzer ziel dezen verheven lofzang 1
1 der Allerheiligste Maagd; luisteren wij |
| naar die hemelsche harmonie, door 1
F het Hart van Jezus ingegeven, wiens i
| eerste Apostel zij is. Zoodanige ge- 1
1 voelens van dankbaarheid en ootmoed i
| moeten al diegenen bezielen, die de 1
| Apostelen van het Heilig Hart willen |
1 zijn. 1
I III. |
| TOEPASSING. |
| Onze devotie tot het Hart van Jezus |
| zal niet volkomen zijn, indien wij ze |
| in ons zeiven besloten houden ; wij 1
| moeten ze rondom ons doen kennen, i
| beminnen en behartigen door het 1
| grootst mogelijke getal zielen. f
| nik stel u als erfgename van mijn i
| Harten al zijne schatten... u veroor- i
| lovende er volgens uw verlangen ge- 1
| brink van te maken (1) zeide de Heer tot 1
| (1) Gelukz. Mar ff., Paray, 1,120.
1 62 1
iiiiiiiiiiiiiniiiiiMiiiiiiinmiiiiiiiiHiiiMiiiMiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiMtiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiTin
I de Gelukz. Marg. Maria. De edelmoe- | 1 dige apostel wil niet alléén zoo grooten i i schat genieten. |
1 Hoort, hoe zij hare vreugde betuigt i 1 bij het zien der vestiging dezer heil- | | zame godsvrucht ; quot; Ik zou willen op- | i gaan in dankzeggingen voor dit ge | i luhkige begin » roept zij uit; «daar | 1 is al mijn vreugde en troost, daar zijn | | al mijne belangen en begeerten. Ik ben | 1 voor al het overige ongevoelig ...Wan- | | neer hiervoor alle teer ken, moeiten i | en smarten moesten verduurd worden, | 1 zou mij dit een genot zijn. Er bestaat | | geen lijden, waaraan ik mij niet met | | blijdschap zou onderwerpen.[\) |
| Kinderen van Onze Lieve Vrouw | 1 van het. Heilig Hart, niets valt ons | | gemakkelijker, dan naar haar voor- | i beeld en onder hare beschernjing, de | | heilzame devotie tot het Heilig Hart | 1 van Jezus te verspreiden. |
1 Oefening. Onderzoeken wat wij | | kunnen doen om in ons huisgezin, in | 1 onze gemeente en zelfs veraf, de devo- |
| (1) Geluhz. Marg., Paray. II. 221. |
iiiiiiiTiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiHiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiimin»
1 63 1
flllllirilllllllllllllllllllllllllllllllirilllllMIIIIIIIIIIIIIIIMIIIIMIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIItlllll
I tie tot het Hart van Jezus door Onze i
I Lieve Vrouw van het Heilig Hart uit i
1 te breiden.
I Schietfjehed. Onzo Lieve Trouw van 1
| het Heilig Hart van Jezus, bid voor |
i ons. i
| GESCHIEDENIS.
1 De godsvrucht tot \
| Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart, i
1 in België. |
| Niet zoodra was de naam van Onze Lieve |
| Vrouw van het Heilig Hart te Issoudun |
1 uitgesproken, of hij vloog over de grenzen i
| en leerde tot in de verwijderdste landstre- |
= ken de H. Maagd kennen en aanroepen, =
| onder dezen nieuwen titel, die zoo zoet is i
| voor den godvruchtigen christen. |
= Onder al de natiën bekleedt België eene =
| bevoorrechte plaats. Als wij de snelle vor- |
r deringen nagaan, welke de eeredienst van i
| O. L. V. van het H. H. in minder dan 20 |
I jaren in dit land gemaakt heeft, kunnen wij |
I niet genoeg de levendige belangstelling, de i
I vurige godsvrucht bewonderen, waarmede |
I die eeredienst zoowel in de nederigste dor- i
I pen als in de aanzienlijkste steden door de |
I katholieke bevolking werd aangenomen, i
1 64
iniiiiiiniiiMiMiMiiiiiiiiiiitmiiiiiMmiiiitiimiMiimiiMMiiiMliiiMiiiiiiiiiii»
| Wilde de Belgische bedevaarder al de hei- |
| ligdommen, bidplaatsen en altaren ter eere =
1 van O. L. Vrouw van het H. Hart opge- |
i richt, bezoeken, hij zou elk oogenblik moe- =
| ten stilblijven; overal immers hielden de |
= geloovigen er aan Maria te aanroepen on- |
| der den schoonen, troostenden titel van O. =
| L. V. van het H. H. En dit zal ons niet zoo i
= wonder voorkomen, als wij het echt gods- |
| dienstig karakter dezer moedige natie ga- =
i deslaan en bedenken wat al zegeningen de |
| Hemel gewoon is uit te storten over de vol- |
= keren, welke het eerst burgerrecht verlee- i
i nen aan werken door de Voorzienigheid |
| uitgekozen om samenleving, familiên en =
| afzonderlijke personen als te herscheppen. | i Leggen wij dus allen aan de voeten van =
= Maria onze vurigste wenschen neder, opdat 1
i al de landen der aarde op hunne beurt aan |
| O. L. Vrouw van het H. Hart worden toe- i
= gewijd. Dat is het middel om de komst van |
= het rijk van het Hart van Jezus en de zege- |
| praal der Kerk te bespoedigen. Dat is het |
1 middel om altijd meer den lof waardig te |
| word;n, welken Pius IX, de Paus van Ma- i
| ria, zich gewaardigd heeft aan de Vereeni- |
1 ging te geven, toen hij ons zegde: «Wij =
| wenschen u geluk, ziende dat de Vereeni- |
1 ging van O. L. Vrouw van het H. Hart, die |
| in uwe kerk van het Hart van Jezus te Is- =
= soudun is opgericht, dagelijks meerdere |
1 uitbreiding krijgt, (getuige de veelvuldige =
| inschrijvingen, die gij ons aangeboden hebt) |
= en daardoor een groot getal zielen, met de | MmuiiiilHiiMmiiimiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiliiiiiiiiiiiiiiiiiiuililiiiiiiilliiiiiiiiiiitiiiiiiiin
1 65 5 1
iimiiiTiii
I teederste banden aan deze minnelijke Moe- i
| der gehecht worden. Voorzeker moet voor |
| elk Harer hieruit een zeer groot goed voort- i
= spruiten, en de Kerk zal door middel van i
i die menigvuldige gebeden veel hulp ver- =
| werven. (Uittreksel uit de Breve van Z. H. i
i van den iSJuni 1870.) |
1'llklllllllNI'H'llllllllllllllllllllllllllllllllllHIIIIUlilllllllllllllllllllllllllllllllllljlllll*
1 66 i
iliiiiliiiiiiiiiiiniiiiimitiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiimiiiuiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiLMiiH»
ZESDE DAG.
Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, eerste aanbidster van het Hart van Jezus in den stal van Bethlehem. â Aanbidding aan het H. Hart verschuldigd.
God is een Geest, en die Hem aanbidden, moeten Hem aanbidden in geesten waarheid.
(Joan. IV. 24)
1.
ONZE LIEVE VROUW VAN HET H. HART, EERSTE AANBIDSTER VAN HET H. HART.
lELKE waren de inwendige 1
gesteltenissan van Maria in |
het geheim der geboorte van 1
I Jezus ? I
1 Maria, eerste aanbidster van den 1
I nieuwgeboren Verlosser, staat niet bij i
«iiiiiXiiiHiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiTiiiHi»
67 1
miiiiiiiitiiiiiMMiiiiiMMiiiiiMiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiinniiiiniiiMiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
I het inwendige des geheims stil. Gelijk f
1 de hoogepriester der oudeWet, die den |
| tempel tot aan het Heilige der Heiligen |
ï binnendrong, ziet haar onbevlekt oog, |
| den sluier der heilige menschheid van |
i Jezus doordringende, tot in zijn God- |
| delijk Hart, waar al de genadeschat- |
1 ten liggen opgesloten. 1
| De herders spoeden zich naar Beth- |
1 lehem ; het verbaast hen, in het mid- i
i den van den winter een Goddelijk Kind |
1 te zien, dat eene kribbe voor wieg 1
| heeft. |
1 Maria deelt, als eeue goede Moeder, |
| in al het lijden van haren Zoon; maar |
| hare ziel, in de school van het Heilig 1
1 Hart van Jezus reeds onderricht, aan- |
s bidt de vrijwillige ondenoerping van 1
| dit lijdend Hart. |
| De Drie koningen komen uit hunne 1
| ver verwijderde landen aan, werpen |
1 zich op hunne knieën, aanbidden den |
| Messias en leggen aan zijne voeten |
i hunne geheimzinnige geschenken ne- i
| der. Welk een geloof ! Hoe bewonder |
1 ik die edele Wijzen uit het Oosten ! |
| Op enkele ingeving van hierboven, f
1 68 i
iiiiiiiuruiiiiiimiiiiiiiiiiiiimiiiiiimimniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimimuiuiiiiiiii»
1 een zoo lange reis ondernemen, en een |
| koning aanbidden,dien men, om alles |
1 wathem omringt, voor den minsten der |
| mensohen zou houden ! De taak van |
i Maria is nog verhevener ; het is niet |
| alleen de Koning, dien zij aanbidt, het |
1 is vooral het Hart van dien Koning, =
i dat Hart dat Hem zich zeiven aan zijne |
1 slaven doet overgeven en slachtofferen |
| voor hen. Alles wat hare oogen zien, |
| wat hare ooren hooren, al wat zij on- |
| dervindt, zij ziet het komen uit het |
1 Hart Tan Jezus Christus. |
I II. 1
= HET HART VAN JEZUS OPENBAART ZIJNE | | LIEFDE VOOR ZIJNE MOEDER OP EENE = = GEVOELIGE EN ZICHTBARE WIJZE.
| Van heteersteoogenblikderMensch- |
1 wording af, behoort het Hart van Jezus |
1 aan Maria en deelt Het zich aan haar |
i mede ; maar in den stal van Bethle- |
1 hem begint Het een nieuw leven, en |
1 openbaart Het op eene zichtbare wijze |
| degevoelens,waarmede Het is bezield. |
1 Al de daden van Jezus komen in wer- |
| kelijkheid uit zijn Hart; indien zij vóór |
iiiiiniiiiiiiriiiiimiiniiiiiMiiiiinHiiiiiMTiiiiiiMiiMiMMiiiiiiMin imiimmuiiiiiiiiiiiii»
1 69 1
â¢iiiiimiiniiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiMmimimiiiiiiiimiimiiimiimiiimiiiiiiiiiiiiii
I alles de glorie van zijn hemelschen 1
| Vader beoogen, zij zijn ook het erfdeel 1
| zijner Moeder. §
= Hoedanig moesten dan wel de ge- i
| waarwordingen zijn van deze beste 1
| der moeders, wanneer zij vour de i
| eerste maal dat Goddelijk Kind tegen |
| haren boezem drukte, dat Kind, dat 1
1 geheel liefde is, en waarvan men zeg- |
i gen kan, dat het geheel hart is ? Als 1
I zij zijn geween hoorde, zijne blikken |
| ontmoette en zijne handjes zich tot 1
| haar zag uitstrekken, gevoelde zij dan |
| niet hoe dat Goddelijk Hart haar op i
| duizenderlei wijzen en ieder oogenblik, 1
| de onmetelijkheid zijner kinderlijke i
| liefde betuigde ? 1
| III. j
| TOEPASSING. §
1 Indien het Hart van Jezus zich in |
| onze eeuw wil doen kennen, is dit om 1
| in de zielen de herinnering aan zijne |
| liefde op te wekken. Het wil dat de |
| zinnebeelden der oneindigeliefde,waar- 1
| van het voor ieder van ons brandt, i
â¢iiiiiiiimiiimiiimiiiiiiiiiimiiiiiitiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiniiiiiimiiiiii
| 70 i
iiiiiiniiiiiiiiiiiiiimiimiMiimmmitimiiiiiiiiiiiimmiiiiiiiimmmimiiiiiiimiTiiiiiit
I vermenigvuldigd, en onder de oogen |
| der onverschilligsten en ongeloovig- |
| sten gebracht worden. 1
| Daarom vestigt de Goddelijke Mees- |
| ter al onze aandacht opzijn Hart,waar |
| de verklaring gevonden wordt van |
| geheel zijn leven, van al zijne geheimen |
| en van al de genaden, waarmede Hij |
| ons overlaadt. Het Hart van Jezus |
| (i heeft mij verzekerd, zegt de Geluk- |
1 zalige Margareta. «dat zijn vermaak |
| om door de schepselen gekend, bemind i
| en geëerd te loorden, zoo groot is, dat \
| Het mij, als ik mij niet bedrieg, he- \
| loofd heeft, dat al degenen, die Het |
1 toegenegen en er aan toegewijd zullen |
| zijn, nooit zullen vergaan; dat Het, |
| als de bron van alle zegeningen, die |
| in allenovervloedzal verspreiden over |
i alle plaatsen, waar de beeltenis van |
| zijn Goddelijk Hart gevonden en |
1 vereerd toordt. »(1) |
| Begrijpen wij nu waarom ook Maria |
1 in deze tijden aan al hare kinderen |
| het Heilig Hart van Jezus heeft willen |
| voorstellen? |
ï (1) Gelukz. Margareta, Paray, I, 221. |
uiiiiuiHiMnMiiiimiiiiiMHiiiiiMiiiiMiiiiiMiiiiiiiuiiiiiiiiniiiiiiiiiimiimiiiiiiimmim
i 7i 1
iiiiiiiHMiiiiiiMiimiimimiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
Oefening. In vereeniging met Maria eene acte van liefde tot het Heilig Hart verwekken.
Schietgebed. Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart, eerste aanbidster van het Hart van Jezus, bid voor ons.
GESCHIEDENIS.
Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart in Italië.
Onder de uitstekende weldaden, welke dit land reeds van de Broederschap van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart ontvangen heeft, is het niet mogelijk, stilzwijgend voorbij te gaan het ophouden der cholera, in de stad Trinapoli, provincie Foggia.
Deze vreeselijke ziekte maakte in de maand Mei 1867 tallooze slachtoffers, schrijft ons een Redemptorist, die van den geesel getuige was. In het tijdsverloop van eene maand was de bevolking der nog al aanzienlijke stad vreeselijk verminderd ; de geesel zette zijne verwoestingen voort, de droefheid was onbeschrijfelijk. Er was geen huisgezin dat niet in weinig tijds,een vader, eene moeder, eene zuster of eenig ander geliefd persoon verloren had.
Ik, voor mij, had in weinige dagen den iiiiiiiiimiiiiiiiiiiimimiiiiiiiiiiiiiiimmimminmmmmm,,
72
= dood te betreuren van vier mijner beste =
= vrienden. Het volk nam zijne toevlucht tot =
| de heiligen, wier voorspraak in andere om- §
= standigheden zoo krachtdadig was geweest. =
| Doch alles scheen vruchteloos. Ã
= Men besloot plechtige en openbare ge- =
| beden tot Maria te richten, onder den titel =
= van Onze Lieve Vrouw van den Carmel, E
= van den heiligen Rozenkrans, van Lorette, =
z der Overwinningen..........=
= De ziekte bleef heviger dan ooit aan- E
à houden. E
= De gedachte kwam nu bij ons op, onze |
| toevlucht te nemen tot Onze Lieve Vrouw E
E van het Heilig Hart (wier naam door de |
à Annalen \an Issoudun sedert kort was be- E
E kend geworden). Aanstonds werd haar beeld E
à openlijk in de Kerk ten toon gesteld, en =
| begon men ter harer eere een plechtige E
à novene. Den laatsten avond gaf men met i
à het geliefde beeld van Maria den zegen aan E
à alle huisgezinnen, personen en aan het E
à geheele land, terwijl men, in den naam van |
| Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart van E
à Jezus, de ziekte bezwoer op te houden.
à O wonder! den volgenden dag, het was E
à den 16 Juni 1867, bedaarde de ziekte.
à Uit erkentelijkheid voor eene zoo schitte- ë
I rende gunst, stelde de bevolking voor, een =
E beeld van Onze Lieve Vrouw van het Heilig E
= Hart op te richten en haar een marmeren ë
E altaar toe te wijden. |
à Aan dezen wensch werd spoedig voldaan, ë iiiiiilflillilliiiiMiiiililliilliliiiimiiimiimmMiMmiimmiiiiiimiimiiiiiiiiiiiiwirniiit
I 73 1
«iliiiijiMMimiiiiiMiiiiimimiiimmtiiiiiimmiiiiiifiiimiiiiiiimmMiiiMMiiiiiiitJiiiiin
I Men draagt nu alle dagen het heilig Mis- |
| offer aan het altaar van Maria op. Kene i
| menigte van andere gunsten, welke in Sici- |
= lie, in Sardinië, te Rome, te Napels en in =
i verscheidene steden van Italië verkregen i
| zijn, hebben aan de Broederschap een zeer =
i grooten luister geschonken. |
= Tweeenzevontig Italiaansche bisschoppen |
= hebben haar met warmte aanbevolen; de i
| Broederschap heeft te Osimo een middel- i
| punt kunnen vormen, terwijl het te Rome |
i werd opgericht, waar het in iSyS tot Aarts- i
I broederschap werd verheven. |
I Toen de Missionarissen van het Heilig i
i Hart in de hoofdstad der christelijke wereld |
I de oude Kerk van den H. Jacobus, welke =
1 in verval geraakte,gekocht, gedeeltelijk op- =
I gebouwd en aan Onze Lieve Vrouw van het =
= Heilig Hart hadden toegewijd, werd de i
i Aartsbroederschap voor de geheele wereld, |
I daarin gevestigd, op denzelfden dag, waarop =
= het nieuwe heiligdom werd ingewijd, en bij i
I besluit van Z. H. Leo XIII ter bewaring |
E en bediening toevertrouwd aan de Missi- 1
§ onarissen van het Heilig Hart. i
r Sedert verscheidene jaren werden te Osi- |
i mo de Italiaansche Annalen uitgegeven ; zij i
I verschijnen nu sedert Januari 1880 te Rome, |
E onder de hooge bescherming van zijne Emi- E
i nentie den Kardinaal Vicaris. S
X4IIIIIJIII11 III 11111111MIII1111111111II â 11IIII11111111M IIIIII llllllllll III 11 i:i 111MI IIMIIIIIilllJIII Ml'
1 74 1
ZEVENDE DAG,
Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, Medeverlosseres der wereld. â Onze heiligmaking is in het Hart van Jezus.
En gij zult zijn naam Jezus heeten. (Matth. I. 21)
1.
= ONZE LIEVE VROUW VAN HET HEILIG HART, | = IN HET VOORUITZICHT DER VERDIENSTEN VAN | I HET II. HART, VERSIERD MET ALLE GENADEN. 1
|EZUS Christus draagt den |
naam van Verlosser. Wijl die |
goede Meester altijd uit liefde |
| 'wil handelen, zal Maria, de eerste in 1
1 zijn Goddelijk Hart, ook de eerste |
| zijn om de vruchten zijner komst te 1
1 genieten. Zij zal, na Jezus,de eerste | .........................................................................................................
75 1
iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiimiiiiiiiiiniiiimiiiiii
I der voorbeschikten zijn ; van het 1
| oogenblik af harer Ontvangenis zal |
| zij kunnen zeggen : Ik ben besproeid 1
| met het bloed van het Lam, dat voor |
| God van het begin der wereld af, is 1
1 geslachtofferd; iedere druppel van dat |
| bloed heeft mijne ziel versierd en de |
i stralen mijner heerlijkheid vermeer- i
| derd. Indien elke ziel in het Doopsel |
| met eenige druppelen van dat kostbare 1
| bloed wordt besproeid, wat dan te zeg- |
1 gen van de heilige Maagd, die, van i
| alle smet bevrijd in het vooruitzicht |
| der toekomstige verdiensten van het 1
| Hart van Jezus, met hetzelve zal ver- |
1 eenigd zijn omde medeverlosseres van 1
| het menschdom te worden. |
f II. |
\ DE NAAM JEZUS IS VOL VAN LICHT EN GENADE |
| VOOR ONZE LIEVE VROUW VAN HET H. HART. =
| Volgens den Goddelijken wil, waar- |
| van de Engel de boodschapper was, |
| werd liet menschgeworden Woord |
| /esws genoemd, hetgeen «Verlossen) |
| beteekent. Maria sprak dien naam uit |
fliiliiftmiiiiniiiiimiiMiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiimmiimiiiiiiiiiimmiiiimiiiiiiMiiiimiiK
1 76 1
iiilimifmiiiiiMinnmnmiiiMMMtiimimimMiiMmiiiiimmmmmiiiMiniiiiliidliHit
1 met zooveel geloot, eerbied en liefde, i
| als zulks mogelijk, was : zij begreep i
1 de geheimen, die hij bevatte, smaakte |
| al zijne zoetheid, en zamelde er al de f
1 kostbare vruchten van in. Met meer |
1 recht dan de Bruid der gezangen tot |
| haren Welbeminde sprak, kan zij van |
| haar Zoon zeggen ; « Zijn naam ia voor |
1 mij als eene uitgestorte olie,»eene wel- |
| riekende olie, die tot in het diepste 1
1 mijner ziel doordringt; eene olie van |
| genade, die mijn licht, mijn voedsel, |
1 mijne kracht en mijne vreugde gaat |
| worden. Die duizendmaal gezegende |
1 naam zal altijd in hare gedachten zijn; |
| zij zal hem als een liefdezang herhalen; |
1 zij zal al zijnediepten peilen;zijzaleral |
| de kracht van ontdekken ; hij zal voor 1
i haar een fakkel zijn, die voortdurend |
| de verheven roeping van het Hart 1
i van Jezus in het helderste licht zal |
| stellen. |
1 m. i
TOEPASSING.
| Wij waren in de handen van satan 1
«imruiiiiiiminmuiiiiiiimiiiimiiiimiinnimiiuiiiiiiiiiiuiiniiiiiuimmiiiiiiiiiiiui»
1 77 i
iiiimmiiiMiimiiiiiimiiiiiimiiimmiiiiiiiniiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiimiu
gevallen, Jezus heeft voor ons het uur der verlossing doen slaan ; Hij heeft uit zijn Hart den oneindigen prijs onzer verlossing genomen, en niemand heeft zich aan de voorkomendheden zijner oneindige barmhartigheid kunnen onttrekken ; daarom moeten in den hemel, op aarde en in de hel alle knieën voor Jezus' naam gebogen worden.
Deze beminnelijke naam van Jezus was voor de gelukzalige Margaret a Maria de verklaring van geheel de godsvrucht tot het Heilig Hart ; ook â wilde haar Goddelijke Meester, gelijk zij in hare geschriften verhaalt, om haar te beloonen voor al den eerbied, dien zij dien heiligen naam toedroeg, denzelven met den stempel zijner zuivere liefde op haar hart drukken.n (1)
Vragen wij, door de voorspraak van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart, dat het onsgegeven worde, al de zegeningen van den heiligen naam Jezus te kennen en te waai'deeren.
(1) Geluhz. Mar ff., Paray, 1.153.
huh
iiMiiiiiiiiimiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiniiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiimi
78
iiiiiiiiiiiiiiiiiiimmiimiiimiiiiiMimiiiimiiiiiiiimimmMiimiiiiiiimmmiiiiiiiimiii
I Oefening. Den naam Jezus met eer- |
1 bied uitspreken en schrijven.
| Schietgebed. â Onze Lieve Vrouw |
1 van het Heilig Hart, van alle smet |
| vrij gebleven, in het vooruitzicht der |
i verdiensten van het Hart van Jezus, |
i bid voor ons.
GESCHIEDENIS. |
Onze Lieve Vrouw van het Heüig Hart 1
in Ierland.
| In Cumberland, aan de oevers der zee, |
| heeft zich Onze Lieve Vrouw van het Hei- |
1 lig Hart als eene waarlijk oppermachtige ï
| Koningin gevestigd, die hare gunsten in |
1 overvloed met milde hand wil uitstorten. |
| Ziehier, wat de Eerw. heer Brierley, mis- i
1 sionaris te Cleator, den i December 1868 |
| schreef;
| « Het is vier maanden geleden, dat ik |
1 werd uitgezonden, om de zorg der Missie =
| van Cleator op mij te nemen. Reeds in |
5 mijn eerste sermoon beijverde ik mij, om =
i mijne parochianen de nieuwe devotie tot i
| Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart te |
1 doen kennen. De eenvoudige voorstelling, =
| die ik er hun van deed, vervulde hen met |
= levendige belangstelling, en velen riepen :
IIIIIIMIIRtllllllllllllllllllMMIilllllMlllllimimilllllllllMMIIinillMIIIIIIMIIilMIIIIIIUIIIII
1 79 1
f
iiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiirmimiiiiiiiiimiiiiiiimmiiiiiiiiiimiiiiiiiiiii
Maria aanstonds onder dezen nieuwen titel aan.
i Door dit eerste welslagen aangemoedigd, schafte ik mij een beeld van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart aan, en maakte
: bekend, dat wij het den i5 Augustus, na afloop eener plechtige processie, op haar altaar zouden plaatsen ; dat men een predikatie zou houden, waarin de macht van Maria op het Hart van haren Zoon dooide deugdelijkste bewijzen en voorheelden zou worden gestaafd.
« De groote dag brak aan. Op het uur dat de processie zou beginnen, wilden niet alleen de katholieken haar bijwonen, maar zelfs, wonderbare zaak! de verschillende afgescheiden kerkgenootschappen waren tot dat doel hierheen gekomen. Men zag er protestanten, presbyterianen, methodisten,
allen bij elkander en oplettend, om geen enkel woord vande aangekondigde predikatie te verliezen.
« Van dezen dag af was de vereering van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart te Cleator gevestigd.
« Den 14 September, richte er de Bisschop van het diocees de Broederschap op,
en de overvloedigste vruchten van genade lieten niet op zich wachten.
« Ik zou honderdtallen van zondaars kunnen opnoemen, die in drie maanden, door de devotie tot Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart oprecht zijn bekeerd. Een,onder
iiiiiiiiimimmiiimiiiimmiiiiiimiiiiiiiimiiiiiiiiiitiiimimiimiiiiiiimiiiiiiiiiiir
1 80 I
IIIIIM
IIIIIIIIIIIIIMIIIIIIIIIIIIIIillt 111111111 llllllllllllllMIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIII
anderen; leefde sedert zeven jaren in de grootste ongeregeldheden, toen hij zich in de Broederschap deed inschrijven. Drie weken daarna zeide hij, met de levendigste
dankbaarheid: « Wat is God goed voor mij =
geweest , door mij in de Broederschap i
van Onze Lieve Vrouw van het H. Hart |
te doen opnemen! Meermalen herhaalde =
ik dagelijks de aanbevolen aanroeping, en |
sedert kreeg ik het vurigste verlangen om ij-
mijne zonden te belijden. De schaamte om |
mijne ongeregeldheid te bekennen, werd i
grooter, naarmate de genade mij meer tot |
bekeering aanzette; dezen morgen was de =
bekoring het hevigste, maar ik heb Onze Ã
Lieve Vrouw van het Heilig Hart aange- =
roepen en zij heeft overwonnen. Nooit |
heb ik eene betere biecht gesproken. Ik | ben mijne zaligheid aan Onze LieveVrouw ran het Heilig Hart verschuldigd. »
81
ACHTSTE DAG,
Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, ons voorbeeld in de vestiging van het rijk van het Hart van Jezus.
Het rijk Gods is binnen u. (Luc. XVII. 21)
I.
HET HART VAN JKZUS WIL IN DE ZIELEN HEERSCHEN.
E Engel heeft, van Jezus spre- 1 kende, gezegd, dat Hij koning |
zal zijn en dat zijn rijk geen 1
| einde zal hebben. i
i Hoe zijn deze profetische woorden |
| vervuld geworden ? Eenige Wijzen 1 i uit het Oosten hebben Hem Koning i
l der Joden genoemd, en zie Hem daar 1
| aanstonds tot ballingschap veroor- |
1 82 i
rtilillfiuunmiHiiiiiimiiiimiimmiiiimiimiiMimiiiimiMiimimmimiimmiilMifiii
1 deeld, om de woede van Herodes te |
| ontgaan. |
i Op een dag van heilige vreugde, zal 1
| Hij tot koning van Jeruzalem worden |
1 uitgeroepen, en eenige dagen later zal 1
| Hij tot diadeem eenekroon van doornen |
i hebben, en zal zijn troon het kruis- 1
| houtwezen.
1 O Jezus ! waar is dan het waarach- 1
| tig koninkrijk, waar uw Hart verlangt |'
1 te wonen ? |
| Nazareth veracht U ; Bethlehem 1
1 weigert U ; Jerusalem kruist U. |
| O ! ik herinner mij, Heer, dat in 1
| uw heilig Evangelie gezegd wordt,dat |
| het rijk Gods in ons is. |
1 Gij wildet dus als meester in mijn |
| hart heerschen '? Maar, o Jezus, wie 1
| zal mij bijstaan, om voor U in mij een |
| rijk te bereiden, en wie zal U voor- 1
| gaan in de nederige woning mijner |
| ziel ? 1
iiiinwtiiiiiMinimiMinimiiimmiiimiimiHimiiiiumMMiiimmmiiiMiuiniiiiiiiiiiiii
1 83 1
â¢liiiiiiiliiiimiitiiiiiiiiiiMimmiiiiimiiiiiiiiiimmimiimiimiiiiiiimiiimiiiiiMiiiiiiii
t 3
| II. j
| ONZE LIEVE VROUW VAN HET HEILIG HART, 1
1 QNS VOORBEELD IN DE VESTIGING VAN |
| HET RIJK VAN HET HART VAN JEZUS. 1
1 Indien Gij, o aanbiddelijk Hart van |
| Jezus, in alle harten wilt heersclien, |
i bestaat ei' een, dat, te midden der |
| andere, als de hoofdstad uwer Staten i
'| moet zijn,en het voorbeeld moet wezen, ê
1 dat ons ter navolging wordt voorge- |
| steld. \
1 Het is dat van Onze Lieve Vrouw |
| van het Heilig Hart. Daar zijt Gij met 1
1 de zuiverste liefde ontvangen, daar f
| vondt Gij een koninklijk paleis, dat =
i uwer waardig was, een waarachtigen i
| troon van heerlijkheid, zoodat Gij 1
| mocht uitroepen : «Ik hen tot Koning |
| aangesteld op Sion, zijnen heiligen 1
1 berg.n (Ps. II. 6). |
| De Goddelijke Meester heeft aan de 1
I heilige Meehtildis geopenbaard, dat |
| hij altijd woonde in het hart van de 1
| H. Gertrudis ; op welke eene meer in- |
| nige en volmaaktere wijze moet Hij 1
| dan niet zijn verblijf gevestigd hebben |
«iiiiniiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiïiniiii
1 84 1
iliMMniiiiiiMiiimiiniiiiiiiMMiiiiMimiimiiMiiiMiMiiiiiMimimimimiMMMiiimniiiiii
I in Onze Lieve Vrouw van het Heilig 1
1 Hart ? |
| III. !
TOEPASSING. |
| «Het aanbiddelijk Hart van Jezus, |
1 schreef de Gelukzalige Margareta Ma- |
| ria, « wil in alle harten het rijk zijner \
i zuivere liefde vestigen en er het rijk des ï
| Satans vencoesten en vernietigen, en 1
| mij dunkt, dat Hij er zoon vurig l
| verlangen naar heeft, dat Hij al de- 1
| genen groote belooningen toezegt, die |
i met goeden toil daaraan uit al hun 1
| vermogen medewerken, volgens het |
| lichten de middelen, die Hij hun geven 1
| zal.n 1). |
| Om dit doel te bereiken, staan ons 1
| twee wegen open : de eerste is, Maria |
| een moederlijk gezag over ons hart te i
[ geven, en haar daarover naar welge- 1
| vallen te laten beschikken ; de tweéde 1
i is, door de voorspraak van Onze Lieve |
| Vrouw van het Heilig Hart de genade |
1 (1) Gelukz. Mary., uitg. Para}', II, 124. |
iiMiiijiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimmiiitiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
1 85 1
iiiMiitiiiiiiiiiiiimmiiiiimiiimiimmmMmiiiiiiimmmiiiiimifiiiimiiiiiimiiimuiii
I te vragen,van in geest en in waarheid |
| het Hart van Jezus te dienen, want |
| Hem zoo dienen, is Hem over ons 1
| doen heerschen. en ons, volgens het i
| Goddelijk woord, het voorrecht geven |
| met Hem te regeeren en te deelen in |
| zijne almacht van Koning der konin- |
1 gen : Cui servire regnare est. f
ï Oefening. Onderzoeken welk ge- f
| brek zich het meest in ons tegen het |
| rijk van het Hart van Jezus verzet, en |
| het besluit nemen, ons ter eere van 1
| het Goddelijk Hart, van die fout te |
1 beteren. 1
i Schietgebed. Onze Lieve Vrouw |
| van het Heilig Hart, die in uwe ziel |
1 het Hart van Jezus hebt doen heer- 1
| schen, bid voor ons. |
1 GESCHIEDENIS. |
i Onze Lieve Yrovw van het Heilig Hart i
= in Engeland. |
| Nauwelijks was de naam van Onze Lieve |
| Vrouw van het Heilig Hart in Engeland be- 1
i kend, of Mgr Manning, aartsbisschop van i lt;itiimiiiiiiiiiiiimquot;'iiiiiiiiiiiMiimiiiiiimiiiimiiiiiumiiiiiinmiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiTiiiiii
1 86 1
mimitmmiimiiiniimmiiimiMMiuiiMMiuiuiiMiiiiimiiiMmmiii
Westminster, schreef in i866; « Ik wensch die Broederschap in mijn diocees gevestigd en verspreid te zien, tot grootere eer van de onbevlekte Moeder van God, die ook onze Moeder is, in deze dagen, waarop hare kinderen zoovele beleedigingen moeten verduren. »
Zijne Doorl. Hoogwaardigheid wilde in persoon deze schoone devotie aan de geloo-vigen kenbaar maken, en preekte te dien einde op Sacramentsdag in de kerk der H. Maagd der Engelen te Boyswater. Uitstekende gunsten werden verkregen; door Mgr den Aartsbisschop werd aan Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart eene parochiale kerk te Londen toegewijd, welke thans den naam van parochiekerk van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart draagt.
Het is vooral aan de bekeermg der protestanten dat Onze Lieve Vrouw van het Hart van Jezus arbeidt; talrijke feiten hebben reeds den ijver onzer leden beloond. Sedert vier en dertig jaren, bjd een lerscht dame voor hare dochter, die, door haar huwelijk met een Engelsch protestant, het katholieke geloof had verlaten. De gebeden brachten in haren toestand geene verande-ringte weeg. Toen de devotie tot Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart te Londen bekend werd, werd het vertrouwen dier vrome dame verlevendigd; zij riep de hulp der Voorspreekster in moeilijke en hope-looze zaken in, en weinig tijds daarna keerde
iiiiniiiiMiimmiiimiimmmiMmimmiiiiimiiiiiiimiimmiiiiiifii
87
â¢IIIIIHIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIMIIIIIIIIMIIIMIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIMIIIIIlilfllll
I het afgedwaalde schaap tot den schaapstal i
| terug. |
= Eene andere katholieke dame had ook |
| het ongeluk gehad haar geloof te verzaken, i
= door een huwelijk aan te gaan met een |
i protestant. Gedurende dertig jaren bleef zij =
| in dien ongelukkigen staat volharden ; maar 1 i
= de religieuzen van het klooster, waar zij i |
| hare opvoeding had ontvangen, deden haar i
= inschrijven in de opkomende Broederschap |
|. van Onze Lieve Vrouw vanhet Heilig Hart. =
| O goedheid van Maria! nauwelijks waren 1
| eenige dagen verloopen, of de religieuzen, |
| die haar zoodoende onder de banier van i
1 Maria geschaard hadden, vernamen hare i
1 geheele bekeering. Ter belooning van het = \
| zoo kinderlijk vertrouwen harer toegenegen i
= kinderen, had Onze Lieve Vrouw van het |
1 Heilig Hart den terugkeer van dit afge- i
= dwaalde kind tot den schoot der ware Kerk 1
i van Jezus gevraagd en verkregen. |
| De Missionarissen van het Heilig Hart =
| bezitten een gestichtte Glastonbury, Somer- |
= setshire (Engeland) waar het middelpunt =
= gevestigd is van de Algemeene Aartsbroe- i
i derschap voor Engeland en Ierland en ]
| de uitgaaf geschiedt van de Engelsche Anna- i
| len. ^ ^ |
I. 88 1
) «iiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiimiiiiiimiiiniiiiiiiiiiimiimiiiiiiiiiiiiiiliiiiiiiimiiimiifr
:0
â¢Si-
NEGENDE DAG,
Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, |
vertrouwelinge van het Hart van |
Jezus. â Het Hart van Jezus is het =
boek der wetenschap en heiligheid. |
Doch Maria bewaarde al deze i
woorden, en overwoog ze in haar §
hart. (Luc. II. 19I E
L I
HET HART VAN JEZLS OPENBAART ZIJNE 1
GEHEIMEN AAN ONZE LIEVE VROUW VAN HET |
HEILIG HART. =
EZUS is de profeet der liefde, i de Koning van al de profeten. | Indien Hij in deze wereld 1 komt, is het om voor onze oogen het | gordijn der toekomst weg te nemen, 1 en ons de onmetelijke liefde van zijn | Vader te toonen. Zijne Kerk zal het |
411111 MllllllllflIIIIIIIIIIIIIIIIIMIIIIIIIIItllllllllllMltlMMIIIIIIIIIIIIIIIM I Hill I til IIIIIIIIIIIIIM
89 f
-rOlt;-
*
J
miiiiïiiiifviiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiHiiiuiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniii
I voorrecht erlangen, de bewaarster te |
| zijn der onveranderlijke Waarheid ; |
| de eeuwen zullen elkander opvolgen |
| zooals Hij het voorspeld zal hebben. 1 i Ja, Jezus is een profeet, en meer i
| dan een profeet. Zijn blik omvat alle 1
| tijden, alle volkeren, alle harten. | | Wie zou zich dus een denkbeeld 1
1 kunnen vormen der geheimen, waar- |
| van Hij de levende openbaring en het |
1 schitterende licht is? Hetgeen Hij van |
| zijne lippenzal laten vloeien, is slechts 1
1 een enkel woord van hetgeen Hij weet. |
| Maar tusschen het Hart van Jezus en f
1 dat van Maria moest in deze wereld |
| innige vertrouwelijkheid bestaan en 1
1 zouden kostbare mededeelingen plaats |
| hebben. Zonder te spreken, weten die 1
1 Harten elkander te begrijpen ; zelfs |
| in de stilte der kribbe, gelijk in die 1
1 der vlucht naar Egypte; in den slaap |
| zoowel als in de afwezigheid, verlaat 1
| het Hart van Jezus Maria niet ; het 1
| deelt zich aan haar mede door een i
| bovennatuurlijk licht en dit ontdekt 1
| haar meer, dan de leerreden van zijn |
1 apostolisch leven aan de verwonderde |
â iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiijiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuirtiiiiiiiTiiiiii*
1 90 |
MUiMniMiiiiui.iiiiiniiniimiirtiiiniuiiiniiiiiiiiniiimiiiiimuiiiiimiiiiiiinmiMim»
1 menigte er van zeggen zullen. Deze | | geheimzinnige samenspraken brengen | 1 op hare beurt nieuwe openbaringen | I mede, die aan Onze Lieve Vrouw van | | liet Heilig Hart de verheven geheimen | ï van het Hart van Jezus doen kennen. |
I lr- 1
= onze l11sve vrouw van het h. hart wil | | [aan de wereld het hart van jezus i i ' doen kennen. 1
| In den Hemel ziet Onze Lieve Vrouw =
1 van het Heilig'Hart, duidelijker dan |
1 alle Engelen en Heiligen, alles wat i
| het Heilig Hart van Jezus aan weten- |
| schap, liefde, genade, verdienste en |
1 heerlijkheid bevat. Zij kent de raads- |
| besluiten zijner barmhartigheid, zij |
| kan de liefde die Het ons toedraagt, |
1 de onvergankelijke bestemming waar- |
| toe Het ons roept, en de zegeningen |
| die het ons bereidt, in Hetzelve lezen. |
i Zij ziet er de heiligheid, die door |
= ons gemakkelijk zou te verkrijgen zijn, |
| indien wij onze oogen op die Zon van |
i alle heiligheid vestigden... Maar zij |
r =
lltllinillllllllllllll^nMIIIIIIIIIIIillllllllllllllllMIIIMIIIIIIIIIIMIIIIIIMIItllllllllllllllllllllll'
1 9i 1
MUlltlftNIIIIMIIMIIIIMimmilllMMIIIMIIIIIIMMMIMMMnilimMllltl'MIIIMIimillllllllllin
I ziet ook, dat dit Goddelijk Hart hier- = | beneden nog weinig gekend is ; zij ziet |
| de onverschilligen die Het verachten; ï
| de goddeloozen die Het beleedigen ; 1
| en haar vurigst verlangen is. over de i
| geheele wereld de liefdegeheimen van |
| het Heilig Hart te doen schitteren. |
i III. |
| TOEPASSING. |
i Hoe dikwijls hebben wij niet, in de 1
| stille ingetogenheid des gebeds, bij |
| ons het leedwezen over onze gebreken 1
| voelen opkomen, eene heilige ingeving |
| voor het goede gevoeld, en nieuwen 1
| moed geschept om de beproevingen i
1 van dit leven geduldig te verdragen ! I
| Wat was dat anders dan het Hart van |
| Jezus, dat tot ons hart sprak en het ï
| zijne genade mededeelde ? Welk eene |
| genade van heiligheid zouden wij niet I
| verkrijgen, indien wij ons meermalen |
| in stille vertrouwelijkheid met het God- f
| delijk Hart onderhielden'! 1
| uEem, (1) zoo verhaalt de Geluk- 1
| (1) Geluhz. Marg. Maria, Paray, I 65 1
Mlllllllllllltll II III III III Mil 11111111111II llllllllllllllllll Hl mi lil in ui ui ||| linn iiliniiiiillliiit
1 92 1
r
i zalige, terwijl ik in een geestelijk hoek |
1 las. om stof te hebben voor het onder- |
1 houd na de Vespers, verscheen mijn |
1 Welbeminde voor mij, en zeide : « Ih |
1 wü u in het hoek des levens doen lezen, |
1 waarin de wetenschap der liefde ligt |
i opgesloten.)) En mij zijn Hart toonen- \
1 de, deed Hij er mij deze woorden |
1 lezen : Mijne liefde heerscht in het |
| lijden, zegepraalt in de ootmoedigheid, \
ï en geniet in de eenheid;» hetgeen zich z
| zoo diep in mijn geheugen prentte, i
| dat ik de herinnering daaraan nooit |
| verloren heb.)) |
1 Vragen wij aan Onze Lieve Vrouw, |
| dat zij voor ons de genade verkrijg.e |
| om in dat boek der Goddelijke liefde te |
| kunnen lezen. i
| Voornemen. Ons een boek aanschaf- 1
| fen hetwelk ons de kennis van het | | Heilig Hart gemakkelijk maakt.
1 Schietgebed. Onze Lieve Vrouw van |
= het Heilig Hart, innige vertrouwe- |
| linge van het Hart van Jezus, bid voor |
1 ons. |
E E iiiiiirnmimiiiimiiiiiiiiiiiiiiMiimmmiiiimimiiiiniiiiiiiiiiMiuiiiimiimiiimmiiim
i 93 1
IMIIIinilllllinilllilllllllllllllllMlllllllillllllllllMlllllllllllllllllllllllllilllllllllllltllUllitii
GESCHIEDENIS. |
§ Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart ï
i in Polen. |
1 Ziehier wat de Zeereerw. Pater Siedmo- =
| grodzlis van de Sociëteit van Jezus, een |
| onvermoeid apostel van Onze Lieve Vrouw =
§ van het Heilig Hart, ons in 1869 schreef i
| aangaande de onder dien titel opgerichte |
| Broederschap te Stanisulki (Oostenrijksch =
| Pelen.) ⢠|
| Eenc. Pater, 1
| « Mijne vorige brieven hebben u gespro- |
| ken over de snelle en heerlijke ontwikke- i
= ling der devotie tot Onze Lieve Vrouw van |
| het Heilig Hart in deze Poolsche streken. =
= De Leden vermenigvuldigen zich en het i
| schijnt dat hun ijver en hunne liefde vóór |
§ die goede en teedere Moeder ook tegelijker- i
| tijd met het ledental aangroeit. De Schat- i
| bewaarster van het H. Hart van Jezus schept jj
1 er dan ook vermaak in, hen met hare kost- i
= baarste gunsten te overladen. Zie er hier i
à eenige voorbeelden van: |
| Bij eene religieuze was het gezicht der- |
| mate verzwakt, dat zij voor geen arbeid |
| hoegenaamd meer in staat was. Na hare i
| genezing aan onze goede Moeder aanbevolen i
= te hebben, is haar gezicht volkomen en |
1 spoedig hersteld. Zij werkt weer als in de i
| dagen harer jeugd. |
| Eene andere werd geplaagd door een |
| hardnekkigen hoest, die haar sinds acht i
ï -UillllJIIIIIIIIIISII lllllllllllilllllllllilllllllUlllilUIIIMIIIilllllMlllllllllllllllllillllllllTllllll
1 94 1
MTiiimiimiiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiimiiiiiimiiiiiiminimimiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii»
i jaren, maar weinig rust gunde. Alle mid- |
| delen waren uitgeput. Maar eenige gebeden 1
1 met geloof tot onze alvermogende Bescherm- H
i ster gericht, hebben over eene kwaal ge- =
= zegevierd welke ongeneeslijk scheen. §
J Verschillende personen vroegen sinds §
| jaren om zeer gewichtige tijdelijke gunsten, i
E maar hunne gebeden waren tot dan toe |
= zonder gevolg gebleven; OHfeZ-ieve Wouu' §
| van het Heilig Hart behield zich dien |
i triomf voor. Na eene novene te harer eer, |
| werd het gevraagde verleend. Dit feit wekte i
= nog meer verbazing dan de zoo even ge- =
| noemde. » |
= Deze brief van den Eerw. Pater Siedmo- =
i grodzlisbehelsdenoganderegunsten,waarna .=
| de Eerw. Pater er bij voegde: |
= « Al deze gunsten en vele andere, die wij |
1 niet kunnen meedeelen, vervullen de harten |
= met de levendigste dankbaarheid jegens |
i Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart. =
| Allen trachten elkander te overtreffen in |
= ijver om hare glorie te bevorderen en de =
i wonderbare uitwerksels harer onuitspreke- |
= lijke goedheid te doen kennen. Deze devotie, =
= die dagelijks dieper wortel schiet in de §
1 zielen, zal hier, gelijk overal, de vruchten |
= voortbrengen van die sterke deugden, welke §
= zoozeer behagen aan On^e Lieve Vrouw |
| van het Heilig Hart. » â =
l âv-O-!â 1
| |
wiiiiTiiiiiiiiiimiiimmiiiiinminmniiiiiiiuiiiimimiiimwimtiiiniiiniiiiiMimTiiMi»
I 95 1
iiiiimiiiimMiiiMiiiiiiiiiiiimmiiiiimmimiimiiiiiiiiiiiiin
1 i
= ^^X= =3$=pfé2^= QH
1 .' |
ï -Hgt;ooooooooamp;oo^:gt;ccoo^b^o-r =
= «f. «p â¢;. â¢)⢠ïj; Ã{. â¢[. «;⢠-f. lt;. â¢-!gt; §
TIENDE DAG,
| Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, i
i vrijwillig slachtoffer van het Hart |
| van Jezus. â De Geest der devotie i
| tot het H. Hart is een geest =
| van opoffering. ;
Een zwaard zal door uwe =
r ziel gaan, en de gedachten z
= van veler harten zullen open- =
1 baar worden. (Luc. II. 35). =
| HET HART VAN JEZUS DOET ONZE LIEVE VROUW =
| VAN HET H. HART IN ZIJE OFFERANDE DEELEN. Ã
ARIA gaat Jezus in den tem- i
pel opdragen. Bij de bood- 1
schap aanvaardde zij het God- 1
i delijk Moederschap ; heden betuigt zij |
i hare toestemming in het offer van 1
| haren welbeminden Zoon. |
MIIIIIIIIIIMt'MIMIIIIIIIIIIIII Hl Hl Hl IIIIIIIHIIIIIIIIIIllllllllllllllllli min ||,|,|||||||||||,||,| n
96 1
««iillliiiliiimiimi
...........................................................................................
| Een Engel groette haar als vol van 1
| genade ; Simeon kondigde haar aan |
| als eene moeder van smarten. 1
| Wat de heilige grijsaard er bijvoeg- |
| de : dat de gedachten van veler harten 1
| zouden openbaar worden, namelijk bij 1
| het lijden en sterven des Verlossers, 1
| mogen wij ook wel op dit plechtig 1
| oogenblik zijner voorzegging toe- 1
| passen. Ondervragen wij da nop de |
| eerste plaats het Hart van Jezus.
| De Goddelijke Zaligmaker heeft |
| reeds, bij zijne intrede in de wereld, 1
i zijn Hart aan zijnen hemelschen Vader |
| opgedragen ; heden hernieuwt Hij 1
| plechtig die opdracht door de handen |
1 zijner Moeder. |
| Hij wil dat dit geschiede in Jeruza- |
| lems tempel; een priester der oude Wet i
| zal getuige zijn van zijne opoffering ; |
| het offer van Calvarië moet voorzegd, 1
| en zijne Moeder aan alle toekomende |
| geslachten aangewezen worden, als 1
| deelnemend in de verheven slachtoffe- Ã
| ring van het Goddelijk Lam.
| Hij heeft eene Moeder volgens zijn |
| Hart gewild, en Hij roept haar om zich 1 iiiiiniiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiimmiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiMiiMiii
1 97 7 1
ttititnmiiniimiiiiiifiiiiiiiMMiiiiiiiiiiiiiiiMiimiiiiMimiiimiiiMMmimiiiniiiiiiMiiiin
1 met Hem op te offeren, al zijn lijden |
| te deelen, zijn kelk Tan bitterheid te 1
| drinken, als een priester aan den voet |
| van zijn kruis-altaar te verschijnen |
1 Waarlijk, hier ligt Jezus' Hart voor | â¢
| mij open, en ik kan er de verheven |
1 openbaring in lezen voor Maria's roe- |
| ping om met Jezus op aarde te lijden, |
1 zooals zij geroepen is om met Hem in |
| den hemel te heerschen. |
I n. |
| ONZE LIEVE VROUW VAN HET HEILIG HART | | STEMT TOE IN HET LIJDEN VAN HET
| HEILIG HART TE DEELEN. |
1 Het Hart van Maria openbaart zich |
1 met zijne innigste gevoelens. Geen |
1 woord, geen zucht, geen smartkreet |
1 laat dat Hart ontglippen. |
1 De grijsaard spreekt van het God- |
1 delijk Kind ; Anna de profetes spreekt |
i insgelijks van Hem : en Maria zwijgt, |
1 evenals Jezus; maar dat zwijgen open- |
| haart ons het gansche geheim. | 1 Eenmaal heeft zij in tegenwoordig- |
1 heid des Engels betuigd, dat zij is de |
«nmmiliiiiimimiiiimiMiiiiinmiMiMiiiMiiniiiiiiiiiiiiinMiiniiiiiniiiiiiinmiiiiinii
1 98 1
â â¢iiiiiiiiiiiiiimiiniiiMiiiiiiiiiiiijiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiitimiiiiiiiiiiiiiiiiii»
I dienstmaagd des Heeren ; behoeft zij 1
| vel met woorden een gevoelen te her- 1
| halen, dat onuitwischbaar geprent is |
| in hare ziel en in elk harer handelin- 1
| gen zonneklaar zal uitschijnen ? |
| Zij heeft toegestemd om de dienst- 1
| maagd des Heeren te zijn in het heer- |
| lijke werk der Mensehwording ; die 1
i edele bediening zal zij overal en altijd |
| blijven vervullen. i
| Verre van haar, dat zij met den |
| heiligen grijsaard zou uitroepen; «Heer, i
| nu laat Gij uwe dienstmaagd heengaan |
| in vrede, omdat mijne oogen het heil i
| van Israël hebben gezien !» Neen, zij |
ï heeft nog te lijden ; zij wil dus blijven |
i leven, om te deelen in de smarten van 1
i het Goddelijk Hart, met Hetwelk het |
| hare zoozeer overeenstemt. |
| Zij wil lijden en beminnen meer dan i
1 eenig schepsel ; het zwaard, dat hare i
| ziel doorboren moet, is hetzelfde dat 1
| Jezus'Hart moet treffen ; evenals het i
| Hart haars Zoons, zal ook het hare 1
1 lijden op het zien der onteering van |
| God door de goddeloozen, en van den 1
| vrijwilligen ondergang van zielen, f
'â¢HftljllllllllllltllllllllllMllflIlPIIMIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIMIIIIIIMMIIIIIIIIMIIIIII*
1 99 |
«tiiiniiiimiuiiMnnMiiiiniiiMiinMiiiiiMminiiiiiiiiiiMMiiniiiiiniiiiiMiiiiiiiiiumit.Mi
I door het kruis verlost. i
| Zij zal lijden als Moeder Gods en |
| Moeder der menschen. |
1 Zij stemt toe in het lijden, zonder |
i naar deszelfs maat of duur te vragen. |
[ in. i
1 TOEPASSING. |
E =
| Het Hart van Jezus zal ons met zijne |
1 gunsten verrijken, naarmate onze 1
| geest van zelfopoffering volkomen zal |
1 zijn. Mijn God, zult gij mij dan cd- i
| toos laten leven zonder lijden ? riep |
| de Gelukz. Margareta Maria uit, in |
| haar vurig verlangen om in zich het |
1 leven van liet H. Hart af te beelden. |
| Toen werd haar een groot kruis ge- |
1 toond, welks lengte zij niet kon over- |
| zien, maar geheel met bloemen bedekt. |
| Dat was de voorspelling van het veel- |
| vuldig lijden, dat haar in haar leven |
| stond te wachten. « Allengs » zoo werd |
1 haar gezegd, « zullen de bloemen af- |
| vallen (I) en alleen de doornen blijven, |
| (1) Gelukz. Marg,, Paray, 45. |
ItlllirilHIIIMIIIIIIIIIimilMIIIIMIIIIMIIIIIIIIIIIIIIIIinillllMIIIMIIIIIillllllllMlllllllllllilil
1 loo i
i i
tiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiimimiiiimimiiiiiiiiiiimiimmimiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiim
'i ' â amp;
| die nu, om unlle uicer zwakheid, 1
1 onder de bloemen verborgen zijn. » |
| Deze woorden verblijdden haar. en |
| later, na de ondervinding opgedaan te f
| hebben van het offer dat zij begeerd 1
| had, schreef zij deze schoone woorden : |
| (i O mocht men begrijpen, hoezeer de 1
| zielen, die tot die algeheele verzaking |
| en ontblooting geroepen worden, voor- |
| uitgaan, als zij getrouw zijA om daar- |
| aan te beantwoorden, door volkomen |
| aan alle verlangens, zelfvoldoening, |
1 nieuwsgierigheid en terugzien op zich |
| zeiven af te sterven, ten einde zich |
| door dien Goddelijken Stuurman te |
| laten voeren in het veilige scheepje van |
| Zijn liefdevol Hart ! Ik noodig u uit, |
| aan dat Hart geheel uw geestelijk en \
| lichamelijk icezen loeg te schenken.»(1) |
| Laat ons deze genade vragen door 1
| tusschenkomst van Onze Lieve Vrouw |
i van het H. Hart. 1
i Oefening. Verwekken wij vooraf | | reedseene akte van onderwerping, aan | i Gods wil voor al de beproevingen die |
| (1) Geluhz. Margareta, Paray, 45. =
uiiuuiiiiiiiuiitiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiliiiiniiiiiiiuiatiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiliijliilli
1 loi ' i
iiiiiiiiiiiiiMiiMMiiiiiiiiiiiiiiitciiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiniiiiiiiiiiiii
I wij nog tot aan ons levenseinde zullen | I ondervinden. =
| Schietgebed Onze Lieve Vrouw van | i het H. Hart van Jezus, bid voor ons. 1
.
| GESCHIEDENIS |
= Onze Lieve^ Vrouw van het Heilig Hart |
i in Spanje. =
| Spanje is een der landstreken, waar de =
5 tijding dernieuwe devotie de meeste vreugde |
| heeft verwekt, en waar zij met de wonder- |
1 baarste snelheid is verspreid geworden. =
| God had zelf' den grond voorbereid. In |
= lySSleefde te Valladolid een ijverig religieus |
i van de Societeit van Jezus, Pater Bernardus i
| de Hoyos, die door God geroepen was, om |
= de devotie tot het Heilig Hart te versprei- =
i den, en die in een visioen het wonderbare i
| deel van Maria in de devotie tot het Hart |
1 van Jezus had aanschouwd. «Ik zag», heeft i
| hij geschreven, ude onmetelijke goedheid |
= van God onder het minnebeeld van het Hart =
i van Je\us. Dit Goddelijk Hart geleek |
| op een onmetelijken vuurbol, wiens licht- |
1 stralen al hun gloed op één punt in het on- |
| bevlekt Hart van Maria kwamen vereeni- \
1 gen, vanwaar %ij weder uitgingen, als te- i
à ruggekaatst door een spiegel, om de aarde |
1 102 I
uilliiilitiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiMMimntiiiiiiiiMiiiiiiniMnniiiiiiTiiii«lt;*
i te gaan verlichten en te doen ontvlammen.» i
| Was dit niet als eene voorspelling van de eer, |
= die eenmaal aan Maria zou worden bewe- i
| zen, als zij den verheven titel van Onze Lie- ;
jj ve Vrouw van het Heilig Hart ontving ? |
H Ook was deze nieuwe naam nauwelijks in i
| Spanje bekend, of de Broederschap van Is- |
= soudun vestigde zich door eene wonderba- i
| re leiding der Voorzienigheid te Tarragona; |
= zij werd door veertig bisschoppen openlijk =
| ontvangen, die er de beschermers van |
| werden; de gunsten vermeerderden door |
= de aanroeping van dezen gezegenden naam 1
i in al de provinciën. De Fransche Annalen i
| van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart i
| werden weldra in het Spaansch vertaald. |
i De vervolging die in 1880 de religieuzen :
i uit Frankrijk verdreef, geleidde, als aan de 1
I hand der Voorzienigheid, eenige Missiona- |
§ rissen van het Heilig Hart naar Spanje,
I Zij namen het bestuur der Broederschap i
= van Onze Lieve Vrouw van het H. Hart op |
I zich, en vestigden in de kapel van hun kloo- =
= ster te Barcelona het algemeen middelpunt i
= voor Spanje en zijne koloniën. |
i Te midden der woelingen, welke deze i
I katholieke natie doorleeft, zet de devotie tot i
I Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart i
= hare overwinningen voort, door overal het |
= vertrouwen en de liefde in te'boezemen, en =
i door van den Hemel talrijke gunsten te ont- i
I vangen, waarvan de Spaansche Annalen, |
= door onze Paters uitgegeven, maandelijks i
I verslag geven. |
IIIIIMIIIIIIIIIIIIIIHIIIIIillUKIIIIIIIIItllllMllllllllinillllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllt
i 103 I
ELFDE DAG.
| Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, |
| vertrouwende op de Voorzienigheid |
1 van het Hart van Jezus. |
| Het Hart van Jezus, Voorzienigheid 1
der zielen. |
= Ik wil u volgen, waar gij ook E
= henen gaat. (Matth. VIII19) =
I ONZE LIEVE VROUW VAN HET H. HART, |
I VERTROUWENDE OP DE VOORZIENIGHEID VAN |
I HET HART VAN JEZUS. =
I iTrefx E voorzegging van den heili- |
1 E gen Simeon gaat weldra in 1
| vervulling: de onschuldige | â¢
i Jezus wordt vervolgd. O Maria ! het 1
| schijnt mij toe, u met betraande oogen |
| uwen Goddelijken Zoon te zien opne- 1
iMiiiHiiiiiiiiiiMiMiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiMiiiMiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniin*'
1 104 1
iiiiiiiiiiuiiiiiiimiimmiiiiiiinnmiiiiiiiiMmiiiiiiimiMiiiiiiiimiiiiiiiinmiiiMiiiiriii»
I men, als een schat, dien gij ten koste |
1 van uw leven wilt redden, en u in ge- 1
| zelsehap van Jozef naar een onbekend |
1 land te zien vertrekken Langdurig- 1
| held van den weg. moeilijkheden der |
| reis, vermoeienis en gevaren, gij be- I
| teekent niets, zoo Onze Lieve Vrouw |
| van het Heilig Hart, tot dezen prijs, 1
| het voorwerp harer liefde kan redden. |
| Ik hoor haar niet nutteloos morren i
| tegen de laagheid harer vervolgers, 1
| die naar het leven van haar Kind staan, |
| noch zich beklagen over de harde 1
| noodzakelijkheid waarin hunne boos- |
| heid haar stort. Neen, hare eenige be- 1
| kommering is het Goddelijk Kind aan |
| de beleedigingen te onttrekken, en 1
| van zijn Goddelijk Hart de slagen 1
| af te weren, die het bedreigen.
| Later, wanneer het uur voor den |
| Verlosser zal gekomen zijn, om zich 1
| zei ven aan zijne beulen ovei1 te leveren, |
| zal Maria aan den voet van het kruis 1
| blijven staan, als eene vrijwillige of- |
| feraarster, en het Hart van haren Zoon |
| laten doorboren, zonder de lans tegen |
| te houden. Heden heeft zij de macht 1
NiiiiiiiiiiiriiiMiiimiiiimiiiiimiiimimiiiiiiiiiimimiiiiiiMiiiMiiiiiiiiiHoiiiiiiriiiii. i 105 1
«lllintliiiiniiiiiiiiiiiiiilliMiiiitiiiMiiiiitiiiiiiiiiliiniiiiiiniiiiliiiiiilliinilllMluiiitilliii
1 en de verplichting Het te beschermen. |
| Welk een haast dan ook om te ver- |
| trekken ! Het is middernacht, als de |
| Engel de bevelen van den Allerhoogste |
1 brengt : en in dienzelfden nacht is de |
| Heilige Familie op weg naar de bal- 1
| lingschap. Men besteedde geene lange |
| uren tot het maken van toebereidselen |
1 en het medenemen van voorraad voor |
| de reis. Hetgeen zij bezitten is spoedig |
1 bij elkander gebracht ; zij kennen |
i geen anderen schat dan Jezus. Zij ver- |
| gezellen dien goeden Meester, omzijn i
1 troost, zijn steun en zijne beschermers | | te wezen ; zij zijn zoo nauw aan Hem | | verbonden, dat zij Hem nooit zullen | 1 verlaten. |
I II. |
1 HET HART VAN JEZUS, VOORZIENIGHEID VAN i 1 ONZE LIEVE VROUW VAN HET H. HART. =
Wat ging er, o Jezus, op het oogen-blik van uw vertrek naar Egypte, in uw Hart om ? De menschen vervolgen, miskennen U, zoeken u ter dood te brengen... Vlucht, mijn beminnelijke
iiimmiiiiimmiiimMimiiiiiiiuimii
106
iiiiiiiiiiii 11 ii iii 11111 iiiinii 11 inn ii 1111 in â 111 ii in || 11111| mi in in || iiiiiii in 111| || iiiiiiiTiiiiin
I Verlosser. De tijd is nog niet daar dat 1
1 hunne misdadige handen den Gods- |
| moord voltrekken zullen. Gij gaat be- 1
| reidwillig in ballingschap, maar Gij |
| roept er ook uwe Moeder heen. De 1
i stem uwer liefde weerklinkt in hare |
| ooren : «Kom, mijne duive, mijne 1
| eenige; trek u met mij in de woestijn |
| terug, laten wij in de rotsen eene 1
| schuilplaats zoeken____» Ach ! welke |
| liefelijke samenspraken gaan het Hart 1
| van den Zoon en dat zijner Moeder |
| houden, terwijl Herodes, in woede |
| ontstoken, de wreede beulen te hun- |
| ner vervolging zal uitzenden !... O ! 1
| hoe kan Maria nu met den konink- |
| lijken profeet uitroepen : Ware de 1
| Heer niet met ons gexoeest, toen men- \
| schen tegen ons opstonden, zij zouden 1
| ons icel levend hebben ingezioolgen, |
| onze ziel zou gegaan zijn door on- |
| doorkomelijhe wateren____ Gezegend |
| zij de Heer, die ons niet in de handen \
| onzer vijanden heeft overgeleverd! Wij |
| zijn gered, evenals de niusch uit het 1
1 net van den vogelaar. Onze hulp |
| is in den naam des Heer en, die |
iiifiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimmiiiiiimiiiiiiMiiimiiiiiiiimmiiiMiiiiMiiimiiiiiMniiiiiiiTmiui
I 107 1
â¢MMiMiinii'iiMiiiiiiiiiiiiiiimmiiiiiiiiimimiiiiiiiimiMiiiiiiiimiiiiiimiimiiiiiuiiiiiii
1 hemel en aarde heeft geschapen. |
1 IH- |
| TOEPASSING. |
1 Laten wij, op het voorbeeld en 1
| onder de bescherming van Onze Lieve |
1 Vrouw van het Heilig Hart, trachten 1
1 ook alles te verlaten, als de wil van |
1 God het vraagt. Is het Hart van Jezus |
| ons niet genoeg ? « Een enkele zaak is |
i ons noodzakelijk, i) schreef de geluk- |
| zalige Margareta, n te weten, de zui- i
i vere Goddelijkè liefde, waardoor wij |
| ons zeiven overgeven aan de liefde- 1
1 volle voorzienigheid van het Heilig en |
| beminnelijk Hart van Jezus, en ons- 1
1 volgens zijn welbehagen laten leiden |
i en besturen.» |
1 Vragen wij aan Onze Lieve Vrouw |
| van het Heilig Hart, dat zij voor ons 1
i dit kinderlijk vertrouwen jegens het |
| Goddelijk Hart van Jezus verkrijge. |
| Oefening. Eenige oogenblikken aan | 1 de overwegingen van deze gedachte | i wijden : «Heeft mij het Hart van Jezus, |
5 S
«imniiMiiiitiiiiiimiiiiMiiiiiimiiiiiiimnmimiimmmiMmiiiimmiuiiiiiiiiiHiinn
1 108 I
â
NllllrilllllllllIIIIIIIMIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIillllllllllllllMllllinilllllllMlllllllllllliiiill*
i zoolang ik op de wered ben, ooit i | verlaten ?» 1
| Schietgebed. Onze Lieve Vrouw van 1 | het H. Hart van Jezus, bid voor óns ! |
| GESCHIEDENIS. |
= Onze Lieve Vroino van het Heilig Hart =
1 in België. i
1 Hooger hebben wij gesproken over de ï
| innige godsvrucht tot Onze Lieve Vrouw i
= van het H. Hart in België; hier kunnen wij |
1 niet innige voldoening er op wijzen, welk =
| behagen er die teedere Moeder in schept de |
i vurige godsvrucht harer kinderen te beloo- =
: nen. Tal van de heerlijkste brieven van i
: dankzegging zijn ons uit dat schoone land H
| toegekomen. Wij zullen ons echter tevreden =
5 stellen met de mededeeling van den volgen- H
= den brief, geschreven door den Pastoor van =
| Charleroi, 1. C. Francois; =
1 «De Zusters van Onze Lieve Vrouw, die =
1 sinds achttien jaren te Charleroi inde Bene- i
E den-Stad gevestigd zijn, houden een Exter- |
= naat of Buitenschool, welke door meer dan =
| vierhonderd leerlingen bezocht' wordt. De |
= kinderen ontvangen er eene uitmuntende =
| opvoeding, en de waarlijk moederlijke zor- i
| gen, waarmede ze omringd worden, hadden =
| tot hiertoe elk ernstig ongeval voorkomen, i
C ^
iiiiiiTmiinmiiiMiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiH
1 109 1 '
«iiiiliiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiiiiiMiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiniiiiiiitiiiiiiii
I Maar de wilde onbesuisdheid van een hunner =
= kwam laatstelijk de waakzaamheid der =
| meesteressen teleurstellen. In 1872 den \
= 9 Januari omstreeks halftwaalf had het on- =
i geluk plaats ; het was bij het uitgaan der |
I klas ; een kleine guit van 7 of 8 jaar, Auguste =
= B....., wel bekend om zijne vlugheid en on- =
I bezonnenheid, wilde zich het schouwspel I
I gunnen van het voorbijtrekken der leerlin- i
à gen, en boog zich daarvoor zeer vt-r over i
1 de leuning van de trap. In plaats van naar ï
1 den raad van een ouder kameraadje te luis- =
I teren, die hem aanmaande die gevaarlijke ï
I stelling te verlaten, buigt Auguste zich nog =
§ meer voorover, verliest het evenwicht en i
I valt van eene hoogte van vijf meters, met =
I het hoofd op de steenen, voor de voeten =
à van de leerlingen zijner klas. De kinderen =
I uitten een kreet van ontzetting ; men dacht =
i dat hij dood was. De Zusters komen geheel ]
I ontsteld toegeloopen, nemen hem op en =
= haasten zich zijne moeder te doen roepen, |
à alsmede den geneesheer en den pastoor. De ;
I moeder komt het eerst aangesneld, ter prooi [
1 aan doodelijke angsten ; maar in plaats van \
I zich aan de wanhoop over te geven, nu zij :
1 haar kind tot een zoo treurigen toestand j
I gebracht ziet, bewaart zij eene bewonde- j
I renswaardige kalmte, stelt haar vertrouwen j
i in Maria, en vraagt aan Mijnheer Pastoor, I
I die reeds ter plaatse was, den volgenden j
i morgen eene H. Mis te willen lezen ter |
I eere van Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, j
§ er bijvoegende dat zij hoopt verhsord te j
«NminiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiutiiiiiiiiiiiifiuMiii '
i no [
«iiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiimiiiiiniiiiiimiiiiiiiiiiiimmiiitTiiiiitiF
i worden, evengoed als in andere omstandig- §
| heden waarin het leven van haar kind even- i
= eens in gevaar was. Dat was als 't ware |
= hopen tegen alle hoop in. Drie dokters, op- =
| volgelijk aangekomen, verklaren dat het |
| ongeval zeer ernstig is ; dat zij niet voor het |
à leven des kinds kunnen instaan. Inderdaad, §
= een uur daarna, terwijl men het kind naar |
= het ouderlijk huis overbracht, scheen het i
à leven geweken ; de bleekheid des doods =
= lag over het ijskoud aangezichtje verspreid, |
à de oogjes stonden strak en er was geen pols =
1 meer voelbaar. Maar Onze Lieve Vrouw |
i van het Heilig Hart, die men nooit te i
| vergeefs aanroept, waakte over het leven |
E van het kind. Terstond na het ongeval, |
à ontstak men bougies voor het beeld, van i
| Haar die hem genezen moest, en terwijl |
i men den kleinen gewonde verzorgde, baden i
| de leerlingen in eene aangrenzende kamer |
i vereenigd, met stichtende godsvrucht de =
= Litanie en het Memorare van Onze Lieve i
| Vrouw van het H. Hart, de H. Maagd |
i Maria met aandrang smeekend, hunnen i
| kleinen studiegenoot het leven te redden. =
= 's Namiddags heerschte er eene buitenge- i
| wone stilte in alle klassen en men bad met i
= eene nieuwe vurigheid. Gebeden met zoo- |
= veel vertrouwen gedaan, door onschuldige i
; harten tot Onze Lieve Vrouw, van het H. |
i Hart gericht, konden niet onverhoord blij- :
| ven. Het kind bleef zonder kennis geduren- =
E de de eerste dagen ; den vierden dag her- |
? kende hij zijne moeder en sprak haar toe, i
niniiiiiiiiiiiMimiitMumiiiiiiiimiiiimimMiiimmiiimiiimiiiimimiiiiiiiiiiiiiTiiiii»
1 m 1
â¢imimimiiiminMiiiiiiiiiimmiim
«iitniiiuiiiiiiiiiiin
imiiiitiiiiiiMim
nadat men eene reliquie van de Gelukzalige |
Margareta van het H. Sacrament, op zijn i
hoofd had gelegd ; den vijfden dag was hij |
buiten gevaar ; den zesden stond hij op en =
speelde in de kamer; den negenden dag was | hij volmaakt genezen.
«Gaarne en met innige dankbaarheid =
schrijven wij deze redding van den dood en |
deze voorspoedige genezing toe aan de =
machtige bescherming van Onze LieveVrouw =
van het H. Hart; te meer nog daar het op- |
merking verdient dat de knaap juist vóór de =
voeten van het beeld van Onze Lieve Vrouw |
van het H. Hart neerviel. » |
I. C. Francois |
Pastoor van Charleroi (België). ï
â¢iiimniifiiiMMiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiijiiiiiiiKiiiiMiiiiiiimtiiiiiiiiiiiiiiit
I 112 1
TWAALFDE DAG. |
Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, 1 trouwe gezellin van het Hart van 1 Jezus in ballingschap.
Heer, wij zullen uwen Naam § aanroepen en ü in onze balling- § schap prijzen. Baruch, III. 7. 5
L I
HET HAKT VAN JEZUS, IN ZIJNE BALLINGSCHAP | VERTROOST DOOR DE TEGENWOORDIGHEID 1 VAN ONZE LIEVK VROUW VAN HET H. HART. |
jGYPTE, een barbaarsch en |
afgodisch land, biedt den ver- 1
bannen God eene wijkplaats |
aan. Welke bittere droefheid door- 1 dringt zijn aanbiddelijk Hnrt !
Hij bevindt zicii onder een volk, ge- 1
zeten in de schaduwe des doods ; de |
tempels der valsche goden zijn ontel- 1
baar en talloos de menigte, die er aan- 1
MIIIIMIIIIIIIIMiI
113
w
«iiniiiimiiiiimiiiiiiimmmiiiimiimiimMimiiiMiimiiiiiiMiiMinmMiiiimiiiiimim
1 biddend nederknielt; en alsof dit alles |
| nog niet genoeg ware, Maria en Jozef, 1
| zijne twee getrouwe â vrienden, worden |
| miskend gelijk Hij. Men veracht hun |
| ingetogen leven, en de eenvormigheid, |
| waarin hunne dagen voorbijgaan. |
| Hoewel nog slechts een kind, ziet |
| Jezus reeds alle misdaden der aarde 1
1 voor zijne oogen oprijzen en als een |
| somber tafereel zich ontrollen. Hij 1
1 hoort de godslasteringen aller geslach- |
| ten ; Hij lijdt door het ongeluk,waar- 1
1 in de zonde den mensch gestort heeft; |
| maar Hij heeft ten minste één troost, 1
i dien van zijne lieve Moeder te midden |
| van zoovele doornen te zien oprijzen f
1 als eene schitterende lelie van on- |
i schuld, vervuld van den dauw des 1
I hemels, en haar met den zoetsten geur |
| te zien ontluiken onder de weldoende 1
1 stralen der genade. |
| Uw Hart, o heilig Kind, zou met 1
i vreugde over Egypteland de ontelbare |
| weldaden der Goddelijke liefde hebben 1
i uitgestort, waren de zielen maar be- |
| reid geweest om dat kostbare zaad te |
1 ontvangen. De tijd daarvoor is nog |
«MIIIIIIIIIIIIIIHIi
miiiiiiiiiimiiiiiiiimimmiiiiiimiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiip
114 1
iiiiM^mmminiiiimiiimimiminmiiiiimiiiiiiiiiimimmiiiimiiiiiiiiimiiiiiiiimiii
I niet aangebroken ; maai- Gij kunt op |
I uwe Moeder al die schatten overdra- 1
| gen. Gij kunt U met Onze LieveVrouw |
1 van het H. Hart onderhouden over 1
| uwe plannen van barmhartigheid, en |
i haar door het geluk van uwe tegen- i
| woordigheid, de genoegens des vader- |
| lands doen smaken. i
| II. j
i ONZE LIEVE VROUW VAN HET H. HART VINDT |
: IN HARE BALLINGSCHAP GEENE ANDERE =
| VERTROOSTING DAN DIE VAN HET H. HART |
| VAN JEZUS.
| Jeruzalem, waar zijt gij ? Tempel, |
1 waar de H. Maagd de dagen barer 1
| jeugd doorbracht, waarom hebben de |
1 Engelen u niet naar het land van 1
| Egypte overgevoerd ? En gij, huisje |
I van Nazareth, en gij, grot van Beth- 1
| lehem, gij zoudt thans eene schuil- |
| plaats aanbieden aan de drie H. Bal- |
i lingen, gij zoudt hen vertroosten, door |
| hun de aangenaamste herinneringen |
| te binnen te brengen. Maar o O. L. V. |
ï van het H. Hart, gij hebt veel meer |
| medegenomen. |
â luiiiiiimiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii»
115
I i
.....................................................................................................
1 Indien de wisselvalligheden des 1
I levens u beurtelings den tempel, Na- |
i zareth en de grot hebben doen veria- 1
| ten, nooit echter zal eenige gebourte- |
1 nis, eenige vijand u dwingen het Hart 1
| van Jezus vaarwel te zeggen, dat Hart, 1
| dat uw blijvend vaderland geworden is. 1
| Met meer recht dan de H. Paulu.s 1
| kunt gij zeggen : « Wie zal mij ooit |
| van de liefde van Jezus kunnen schei- 1
| den 'L.. Noch de vervolging, noch de f
| ballingschap, noch de smarten, n I
| Daar vindt gij meer terug dan den ï
| ouden tempel ; gij vindt er het heilig- |
| dom en het tabernakel van den meu- i
| wen tempel, die niet door menschen- |
| handen gemaakt is, en die geheel uw 1
1 eigendom is. Daar zult gij nog meer !
| in de ingetogenheid en in de afzonde- |
| ringzijn daninhethuisje vanNazareth. |
| De woorden der herders bij de kribbe, ï
1 de geschenken der Wijzen en de glorie |
| der Engelen zijn niets in vergelijking ï
| van de hemelsche gesprekken, waar- |
| mede dit H. Hart u onderhoudt ; van 1
| de genade waarmede Het uwe ziel ï
| overstroomt, en van de glorie, die 1
Mikimiiiiiuiiiiiiimiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniui^ iiiMK â ui»
1 ] 16 1
i 1
.......................................................................................
1 Het u geeft, als Het u, gedurende de f
| lange dagen der ballingschap, de on- |
1 uitsprekelijke mededeelingen zijner |
| liefde doet smaken. i
I III. 1
| TOEPASSING. f
I Trachten wij naar het voorbeeld en |
| onder de bescherming van O. L V. 1
I van het H. Hart, ons in het Hart van |
| Jezus te vestigen als in eene plaats 1
1 van heilige afzondering, alwaar wij |
| honderdvoudig zullen terugvinden, |
1 wat wij uit liefde voor Hem hebben |
| verlaten. 1
I Dat was het ook, wat onze Godde- |
| lijke Zaligmaker herhaaldelijk zeide |
1 aan de Gelukzalige Margareta Maria, |
| n. 1. dat zij zich eene inwendige een- |
1 zaamheid in zijn Hart moest maken, |
| waarin Hij verlangde, dat zij Hem ge- |
i trouwelijk gezelschap zou houden, en |
1 alwaar Hij haar zou leeren Hem te |
i beminnen. In deze beminnelijke af- |
| zondering vond zij steeds haren God- |
| delijken Bruidegom, om zich met Hem |
lllllllllllllllllll MI lllllllllllinilMMIIIItMIIMIMMMIIIIIIIIIIIIIIIIIIIII III Ml llll I IIIMIIIIIIttllt
iiiiiiiliiirtiMiuiiiiiiiimiiiiiiiiiiMimiiiiiimmiiiiMiMiiMiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiimiiijiiin,
I van mond tot mond te onderhouden.(1) 1
1 a Eens, zegt zij, deed mij mijn Mees- |
| ter verstaan, dat Hij mij in de een- 1
1 zaamheid wilde leiden, niet in die 1
| eener woestijn, maar in die van zijn 1
1 H. Hart, waar Hij mij met zijne ver- |
i trouwelijkste samenspraken wilde ver- |
| eeren, als een vriend zijne welbemin- i
| de; dat Hij mij daar verder over zijne |
| verlangens zou onderrichten, en mij 1
| tevens nieuwe krachten zou verleenen |
| om die uit te voeren. 1
1 Wat zouden wij in deze wereld |
| kunnen betreuren, indien het Hart van |
1 Jezus met ons is ? i
i Oefening. Onderzoeken wij welke |
| berooving wij op dit oogenblik ge- 1
1 voelen, en vragen wij aan het H. Hart |
| door de voorspraak van Onze Lieve |
1 Vrouw van het H. Hart. dat Het bij |
| ons de plaats vervulle van het goed, i
1 van de genegenheid of de blijdschap, |
| die wij verloren hebben. |
| Schietyebed- O. L. V. van het H. 1
i (1) Gelukz. Marg., Paray, 1.31. |
ifiiiwtiiiiiiiiiiiniiiiMmimiiiiiiMmiimiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiriiMiiiiiiiiiiiiiimiiiii
? 118
iiiiiiiiiiiiiimmiiiiiimimmiiiiiiimiiiiiiiiiiiiimmnmmiiiMiiiMiimmiiiiiiiiiiiimi»
I Hart, trouwe gezellin van het H. Hart | i van Jezus, bid voor ons. |
I GESCHIEDENIS. |
i Ik loil de akte van berouw geheol |
| uübidden. i
i Vicenza, 14 Maart i883. =
i Een rijke heer had lange jaren de Heilige i
I Sacramenten verzuimd. Zijne dochters had- :
1 den hem laten inschrijven in de Broeder- =
1 schap van Onze Lieve Vrouw van het Heilig |
I Hart, die sinds eenigen tijd in die stad was =
= opgericht en reeds vele gunsten van God |
I had verkregen. Dagelijks beval ik hem aan =
I bij Haar, die de voorspreekster is in moei- |
i lijke en hopelooze zaken. Twee jaren gele- |
I den was eenzijner dochters naar den Hemel i
= gegaan, terwijl zij haar leven tenoffer bracht, |
I om in ruil de zaligheid van de ziel haars =
= vaders te verwerven. |
à In Januari 11. werd hij door eene beroerte |
I getroffen. Zijne kinderen namen vol be- =
i trouwen hunne toevlucht tot de Moeder der |
1 bedrukten, tot O. L. Vrouw van het H. Hart. |
I Drie dagen later was de zieke erger ; zijn =
= zoon had den moed hem te boodschappen, |
I dat een priester, met het huisgezin bekend, =
§ in het paleis was gekomen, om hem een i
I bezoek te brengen. =
I Hij stemde toe, hem te ontvangen. Men H
5 =
niiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiijiiiiift
1 119 I
â MiMiMniMiiiiiiiiiiitiniiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiiniut
I vroeg hem, of hij hem alleen als vriend, i
| dan wel als priester bij zich wilde toelaten. |
| « Ook wel als priester, » antwoordde de i
= zieke. Troostend woord, dat men reeds aan |
i de voorspraak van Maria mocht toeschrijven! =
| Toen evenwel de priester op biechten zin- i
| speelde, begreep de zieke hem aanstonds, |
| maar weigerde. E
E Pas had de priester zich verwijderd, of Ã
i de dochters smeekten den zieke, op een toon f
| van teederheid en smart, die wel in staat Ã
E was om de versteendste gemoederen te |
à treffen, dat hij haar eene laatste gunst zou Ã
à toestaan, daar het toch altijd zijne vreugde |
| was geweest haar genoegen te verschaffen, ë
e Hij zag, dat het om biechten te doen was, ë
à en deed haar verstaan, dat het verloren 1
| moeite was daarvan te spreken. De meisjes, Ã
à door haar broeder geholpen, herhaalden |
à haar verzoek, doch tevergeefs ! . . Zouden E
| dan zoo vele tranen, zoo vele gebeden, en i
à de maagdelijke opoffering harer jongere = | zuster onverhoord moeten blijven?
e Doch neen, midden in dien nacht glinstert |
à eene ster: Maria, aangeroepen onder den Ã
| titel van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Ã
à Hart. Zij geeftaanhare kinderen de gedachte |
à in, hare medalje onder het hoofd van den Ã
| verstokten zondaar te leggen. Een uur later Ã
à biedt de priester zich op nieuw aan; hij ë
| wordt binnengeleid; de dochters begeven Ã
= zich tot het gebed en roepen O. L. Vrouw |
| met betrouwen aan; « O Maria, zijt gij niet Ã
à alvermogend? Zijt gij niet de goedheid | â MiiiiMiiiiiniMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
ï 120 ⢠1
MiiiiiliiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiniMiiiiiiiiiiHiiiiMiiiinm
= zelve?...» â en zie, de gunst is verworwen, |
| de zondaar is bekeerd; hij biecht, en als i
jj hem de biechtvader wegens zijne uiterste |
= zwakheid aanraadt, slechts eene korte akte =
| vanberouwte bidden, antwoordt hij; «Neen, |
= ik wil de akte van berouw geheel uitbidden. )gt; |
i Spoedig snellen zijne dochters, door i
| dankbaarheid en liefde vervoerd, de kamer |
= binnen, omringen den dierbaren zieke, \
| spreken hem woorden van vrede toe, en |
= zeggen hem schietgebeden voor, door de |
i vurigste liefde ingegeven. Acht dagen ver- i
E loopen nog onder aanhoudende zorgen en |
| allerlei pogingen der kunst; den negenden =
| strijken de geneesheeren het vonnis; er is i
| geen hoop meer op genezing. E
§ De kinderen, wien de godsdienst de kracht =
| gaf om hunne droefheid te overmeesteren, =
1 vragen aan hun vader, of hij de Heilige |
= Communie begeert te ontvangen. Hij ant- i
i woordt, dat hij nog eerst eens wil biechten. |
i Op nieuw vloeit dan het Bloed des Zalig- H
= makers over die ziel, om haar meer en meer |
i te zuiveren, en eenige oogenblikken later |
| treedt Jezus in de H. Hostie deze zuivere i
i schoone woning binnen, en drukt aan zijn =
| Hart den boeteling, die in deze goddelijke =
= omhelzing reeds een voorsmaak van het |
= leven des Hemels meent te genieten.
| Men heeft een kruisbeeld op zijn bed ge- |
| legd ; hij kust het, kust het nogmaals, houdt |
1 niet op het te kussen, wil er niet meer van =
| scheiden. Zelf vraagt hij om het H. Oliesel, |
=- en nadat hem dit is toegediend, ontvangt =
iiiiiiMiiMiiiiiiimiquot;MiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiliMiMiiiiiiiiiimiiiiiiirniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiii
121
IlllllllllllII lil IIIIIIrlllllllllIII111II 111! 1111 Uillllllllllllllllllllllll
hij in diepe ingetogenheid den Vollen Aflaat. Geheel in God verslonden, herhaalt hij niet alleen de vrome verzuchtingen die men hem voorzegt, maar voegt er nogtandere bij, door de teederste godsvrucht ingegeven, totdat hij eindelijk, met de kalmte eener engelachtige blijdschap op het gelaat, het kruisbeeld in de hand, zijne oogen sluit voor het licht dezer wereld, om ze te openen voor het eeuwig licht, waarin hij. door de voorspraak en het moederlijk vermogen van Onze Lieve Vrouw, geroepen wordt om de gelukzalige aanschouwing Gods te genieten.
Tot getuigenis der waarheid.
..........................................................
P. Joannes Rigoletto, Priester,
Bestuurder der Broederschap van O. L. Vrouw van 7 H. Hart.
122
DERTIENDE DAG,
Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, onderricht in de gevoelens van het H. Hart van Jezus, bij de terugvinding van Jezus in den tempel.
Hebt gij Hem niet gezien dien mijne ziel bemint !
Cant. III. 3.
= GEVOELENS VAN JEZUS HART IN DIT MYSTERIE.
iN Het beeld van 0. L. V. van het H. Hart van Issoudun, wordt het Kindjezus voorge-| steld in den ouderdom van twaalf jaren, 1 gelijk Hij was in het midden der lee-| raren van den tempel, toen Hij 1 voor de eerste maal aaji zijne Moeder | openlijk den grond zijns Harten open-1 baarde, en voor ieders oog de macht
iiimiimmiiiiiiiiiiiiii»
iiiiiiiiiiiiiiiiiimiMiimiiimiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimmiiiiiiiiM
1 123
*
â
tfiiiiifiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiimiiimiiiiiiiiiiiiiimiiiimiiiiiittiiju
I deed uitschijnen, die zij op Hem uit- 1
i oefent. |
I Mijn Zoon, sprak zijne moeder, 1
| toen zij Hem wedervond, waarom hebt |
| gij zoo met ons gehandeld ? Zie, uw 1
| Vader en ik hebben u met smart ge- |
| zocht. » 1
| - Waarom zocht gij Mij ? antwoord- i
| de het Goddelijk Kind Wist gij niet, |
| dat ik Mij moet bezighouden met de 1
| zaken mijns Vaders ? » 1
| Bij deze woorden, de eerste, die ons 1
| bekend zijn van Maria tot Jezus en 1
1 van Jezus tot Maria, moeten wij dien |
| aanbiddelijken grondregel van Jezus |
1 zeiven toepassen ; * De mond spreekt 1
| uit den overvloed des harten. » HetH. |
1 Hart van Jezus straalt voor ons in dit |
| oogenblik van zijn verborgen leven, |
| zooals zijne glorie naderhand straalde f
1 op den Thabor; Hij toont ons den 1
| grond van zijn Hart, zooals Het is je- |
1 gens zijn hemelschen Vader, dien Hij 1
| verheerlijkt, en jegens Maria, die Hij |
1 deelgenoote maakt zijner zending.
| Niet slechts het zinnebeeld van zijn |
1 Hart wil de Zaligmaker aan zijne |
«NHtiliHimiiniiiiiimiiiiiiimiimiimiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiimiiiiimimiiiiiiiiitiiiiiiiii
1 124 1
2 =
â¢â¢limillllll II llll IMIIIIIIIIIIIIIIIIMI'MIIIIIIIIIIIMIII jJIIIIIJ-
s =
i Moeder toonen; noch zijn gestorven =
1 en met de lans doorboord Hart, gelijk |
1 op het kruis; noch de wonde van dit |
i Goddelijk Hart, zooals aan den H. |
1 Thomas, na de verrijzenis ; noch eeni- |
| ge eenvoudige uitstortingen van die |
| bron der genade, gelijk aan den H. |
1 Joannes, den welbeminden leerling ; |
| noch een straal der toekomstige glorie |
| van dit Hart, zooals aan de gelukzali- |
| ge Margareta Maria ; neen. ni-ets van |
i dit alles zal aan O. L. V. van het H. |
| Hart ontbreken, maar heden wil Hij 1
i het leven zelf van zijn Hart aan haar |
| openbaren, dat wil zeggen, zijne on- \
1 metelijke liefde voor de belangen zijns |
| hemelschen Vaders. 1
1 II. 1
1 GEVOELENS VAN ONZE LIEVE VROUW VAN | | HET HEILIG HART IN DIT MYSTERIE. =
l Het Heilig Evangelie vat ze samen |
| zeggende : Maria bewaarde al die |
| woorden in haar hart, die zoo wonder- |
| bare woorden van het Hart van Jezus: |
1 » Ik moet mij bezighouden met de za- |
| ken mijns Vaders...» 1
.....................iimitinniiiiiiMimmiimiiiiiiiiiniiiiiniiiniiiiiiiiiiiiiuiillliyiiim
i 125 1
aiiiiiMiilllMimmiimmMiiiimmmiiimiMimniiiiimmmiMiMMmiiiiiimmiiM â â¢inn
I Zij overweegt ze met bewondering, 1
| zij bestudeert ze om er ook voor zich |
| zelve de onveranderlijke wet van te 1
| maken van al hare gedachten en van f
i al hare handelingen. Het buitengewo- 1
| ne gedrag van Jezus in deze omstan- i
| digheid is voor haarde welsprekendste |
| verklaring van hetgeen zij gehoord |
| heeft. Wil het Hart van Jezus zich ge- 1
| heel slachtofferen voor de glorie zijns |
| quot;Vaders, Het wil ook zijne welbeminde 1
i Moeder deelgenoote maken van dit |
| offer. |
i Dat verklaart haar die drie dagen van |
| doodelijken angst, die zij heeft door- 1
i gebracht; zij zijn een voorspel, dat zij |
| beter zal begrijpen gedurende de drie f
1 dagen die Hij in het graf zal verblijven. | | Ziedaar wat ons dagelijks gepredikt |
1 wordt door het bevallige beeld van |
| O. L. V. van het H. Hart. 1
1 Aanschouw Jezus in zijn twaalfjari- |
| gen leeftijd ; de hand die op zijn met |
1 doornen gekroond Hart wijst, toont u |
| het deel, dat Maria in zijn lijden ge- |
| nomen heeft ; zijn vinger, te gelijker 1
| tijd naar zijne Moeder en naar den |
miinTimimtunniiiiiiMimmiiiiiimniiiiiiniinniiniiiiiiiiiiimiitiMiiiiiiiiiiiiiiïiiiiin
! 126 i
niiiiijiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiMiiiiiiiiiiiiiiniiiMiniMiiiiiiiiiiiiiiiR.
1 Hemel gericht, zegt u, dat nog op dit |
| oogenbhk. evenals voor achttien eeu- |
| Aven, zijn eenig doel is met haar te |
| -werken aan de belangen zijns Vaders. |
i En O. L. V. van het H. Hart. met |
| het hoofd voorover gebogen, de armen |
1 uitgestrekt en de blikken op het Hart 1
| van haren Zoon gevestigd, brengt de |
| bewondering te binnen, die haar in 1
| den tempel aangreep. |
i Zij overweegt het mysterie, dat zij 1
| in het Hart van Jezus heeft ontdekt. |
I nr. 1
TOEPASSING. |
1 Tusschen het Hart van Jezus en dat |
| zijner Moeder is eene plaats voor ons ; |
1 O. L. V. van het H. Hart noodigt ons |
| uit er bezit van te nemen : zij biedt |
1 zich zelve aan, om ons in te wijden in |
| de gevoelens en in het werk van dit i
1 Goddelijk Hart. Blijkt dit niet duide- |
| lijk uit het visioen der Gelukzalige |
1 Margareta Maria ? |
| «Op zekeren dag, zegt zij, (1) liet |
i (1) Geluhz. Marg., Paray. I. 91.
iiiiimiiiiiiMiiiniMiMiiMiiiiiiiiMiiiiiiiiMiMMiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiMiiiiinijiiim
1 127 1
dk
«iiiiHiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiMiniimiiiiiiiiiiiiiiiimiiiM
I onze Heer mij drie harten zien, waar- |
| van het middelste zeer klein en bijna 1
| onmerkbaar loas. |
| «De twee anderen waren geheel hel- 1
1 der schitterend, maar het eene over- |
| trof het andere onvergelijkelijk ver ; i
i ik hoorde vervolgens deze woorden ; |
| (i Het is aldus dat mijne zuivere liefde 1
1 deze drie harten voor altijd vereenigt. |
| iiDe drie maakten slechts één uit. |
| Dit gezicht duurde vrij lang, en ver- 1
| vulde mij met gevoelens van liefde en |
| dankbaarheid, welke ik moeilijk zou 1
i kunnen uitdrukken.» |
| Die twee helder schitterende harten |
| waren ongetwijfeld de Heilige Harten |
| van Jezus en Maria, en het kleinste, f
| het hart van onze Gelukzalige, dat 1
| zich in de twee anderen als verloor. |
| O ! waarom zouden wij eene gelijke |
| genade van onze Lieve Vrouw van het 1
| Heilig Hart niet verkrijgen ? |
1 Oefening. Aan de voeten van Onze |
| Lieve Vrouw van het Heilig Hart het 1
| besluit maken, geen dag te laten voor- |
| bijgaan, zonder haar te vragen, ons 1
128 I
innniiimimmniMninniiMniiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiniiiiiiMiniMiiiiiiiiHiiTiiiiH»
I met het Hart van Jezus te vereenigen. 1
I Schielyehed. Onze Lieve Vrouw van |
| het Heilig Hart, leerlinge die het verst 1
| gevorderd zijt in de wetenschap van |
i het Hart van Jezus, bid voor ons. 1
1 GESCHIEDENIS.
| Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart | : tijdens de Parijsche Commune.
| In de maand September 1870, bij het |
1 begin der insluiting van Parijs, deed de i
I Communiteit der Zusters van den Heiligen |
= Naam Jezus, inde straat van Vanves,. 209, =
i te Parijs, de belofte, om Onze Lieve Vrouw |
I van het Heilig Hart een schoon beeld in het |
1 midden van den tuin op te richten, indien i
I zij haar voor alle gevaar bewaarde. Ziehier |
I in hetkortdebewonderenswaardigebescher- =
i ming, waarmede dit godvruchtig huis in |
I een zoo gevaarvollen toestand werd be- =
= gunstigd. I
I Het huis belendde ter rechter zijde aan |
= eene fabriek van patronen en andere oor- =
I logswerktuigen, waarvoor een groote hoe- |
I veelheid kruit benoodigd was; aan den liaker =
i kant kwam de Commune later eene schans |
I oprichten. Op vier honderd meters afstand =
= bevonden zich de vestingwerken. Geduren- i
I de een en twintig dagen stond het klooster, |
uimiXiiiuu^Mi'Miiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiw
1 129 9 i
HiiiiMiiiiliiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiiiininiiMillllimillilMtiimmiimiiiiiiiiiiiiimiijiiim
I om zoo te spreken, aan een aanhoudend |
| vuur bloot. i
| Er vlogen, zeggen de religieuzen, in ééne |
| minuut soms zes granaten over ons hoofd i
| heen. Een enkele vonk was voldoende om |
| het kruitmagazijn in de lucht te doen vliegen; jj
| zestien bommen zijn er op neergekomen, i
= doch zonder ontploffing te veroorzaken. 5
| In het spreekkamertje, dat zich nabij de |
| kloosterpoort bevindt, drong een bom naar |
| binnen en ontplofte op het oogenblik dat i
= een commune-man daar binnentrad; deze i
| werd doodelijkgetroffen; de onder-overste, |
S die zich daar ook bevond, was slechts ^eer i
= licht verwond, en kon hasr werk na eenige i
| urcin weer hervatten. |
= Vele andere voorvallen hebben herhaal- i
| delijk bewezen dat Onze Lieve Vrouw van |
= het Heilig Hart het klooster beschermde. |
1 Geen enkele religieuze noch een der meisjes, |
| die daar hare opvoeding ontvingen, hebben =
1 het klooster willen verlaten, dan slechts i
| nu en dan een paar uren om eenige nood- 5
| zakelijke bezigheden te verrichten; en ge- =
| durerde den oorlog en tijdens de Commune |
| werd het klooster gespaard... Uitdankbaar- =
= heid voor eere zoo tastbare bescherming, |
: had er den 12 October 1872, in den tuin van =
I dit gezegend huis, eene treffende plechtig- i
1 heid plaats. Er werd een beeld van Onze |
I Lieve Vrouw van het HeiligHart opgericht; =
§ de bijeenverzamelde bommen waren de |
= schoonste versierselen van het voetstuk, | «â¢miifiiiiiiiiiiiiniiiimiiiiiiiiimiiMiimimmimiiiiimiiimiiiiiimiiiiiiiiiiiiiimiïiiiii
I 130 i
r
iimnnuiiiMMtiiMimMMiMimMiinmiiiiiinniMMimiiiiniiiMiiMinmiiiniiiii
| waarop het beeld van Maria zich verhief; |
i die welke gesprongen waren had men in =
| bloemvazen of loierookvaten \evanderd, en i
ï die welke ongeschonden waren gebleven, =
| had men tot fakkeldragers ingericht.
1 Het is niet mogelijk den indruk weer te |
= geven, die op de menigte, welke dit feest i
| bijwoonde, werd teweeggebracht, wanneer |
i men zich rekenschap gaf van het gevaar =
| dat men geloopen had, en van de zichtbare i
1 bescherming van Onze Lieve Vrouw van =
| het Heilig Hart. |
1 De Aartsbisschop van Parijs had toege- |
| staan, dat de plechtigheid buiten plaats had. =
= De pastoor van Saint-Sulpice wijdde het |
i beeld; de pastoors van Saint-Roch, Saint- =
| Pierre, Petit-Montrouze, Plaisance, Notre- |
= Dame de la Gare. Ermont, Malakof, Sèvre, 5
i het Seminarie van het Heilig Hart van |
| Maria, bijgenaamd van den heiligen Geest, |
= en een groot getal aanzienlijke geestelijken =
| van Parijs waren tegenwoordig bij die i
= plechtigheid, waarheen, uit de voornaamste |
i wijken der hoofdstad, eene ontelbare me- i
| nigte zieh begeven had. Deze zoo troostvolle |
= gebeurtenis wordt in de Annalen van Is- |
1 sondun van December 1872, en Januari i
i 1
I 1873 breedvoerig verhaald. |
iHiiiiiiiiiiiiiiiiimiiniimiiimiiiMinniMiiniiiininiiiniiiiiniiinnMiiiiiiiiiiiTiniin
131
i Ã,___
| VEERTIENDE DAG,
| Onze Lieve Vrouw van het H. Hart
| hare moederlijke macht over het
= Hart van Jezus te Nazareth
| uitoefenende. â Liefde voor de
| gehoorzaamheid.
= En hij was hun onderdanig.
I ï
I (Luc. II. 5i).
HET HART VAN JEZUS ONDERWORPEN AAN' ONZE LIEVE VROUW VAN HET HEILIG HART.
|E Nazareth aangekomen, bleef |
Jezus bij Maria gedurende 1
achttien jaren een verborgen |
| en nederig leven leiden. Het Evange- 1
| lie vat al zijne daden in deze weinige |
| woorden te zamen : En Hij was hun 1
| onderdanig. 1
â¢iiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiinn,-,IIIIII
132 1
luimiiiiiiiiiiiiiimmiiiiiiiiiimiiiimimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiitiiiiiiiiiimiiimiiimiiiiii
I Hij teas hun onderdanig. Welk een | | diepen zin heeft dat eenvoudig woord | f voor hen die het weten te begrijpen ! 1 i Laten wij den Heiligen Bernardus | | spreken: |
I «Hij was hun onderdanig.» Wie | | was onderdanig... en aan wie was Hij | i het ? God was onderdanig aan men- | | schen ! God, die gediend wordt door de | 1 Engelen, aan wien de Vorstendom- | | men en de Heerschappijen gehoorza- | | men, was onderworpen aan Maria, | i en aan Maria niet alleen, maar ook | | aan Jozef, uit liefde voor Maria. 1 Wat zullen wij dus het meest be- | | wonderen, of de nederige onderdanig- | 1 heid van den Zoon, of de uitstekende | | waardigheid der Moeder ? Van beide | 1 zijden dezelfde reden tot verwonde- | | ring... «Gehoorzamende aan de stem | | van een mensch, zegt een beroemd | i leeraar, stond eenmaal de zon stil. | | Christus bleef dertig jaren stil, ge- | 1 hoorzamende aandestemvan Maria. | 5 Voegen wij nog hierbij, dat die God | f nietonderworpen was uit verplichting, | | noch uit eigenbelang, maar uit liefde; |
uiiiiiiiiiinmiiiiiiminiiiiiiiiiiuiriiniiiiiiMiiiiniiiiiiiiiimniHiiiiiniüiiiiiiiiiiiuiiiiir
1 133
iiiiiimiiniiiitiMiimmimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimmiiimimmiiiiiimiiiniimiiiimii
I zijn Hart had de gehoorzaamheid vrij- 1 i willig verkozen, door Maria moeder- 1 | lijke rechten te geven. |
II.
| ONZE LIEVE VROUW VAN HET HEILIG HART, =
| HARE MOEDERLIJKE RECHTEN OVER HET i
= HEILIG HART UITOEFENENDE. |
ê Stellen wij ons O. L. Vrouw van het i
ï H. Hart voor, terwijl zij over Jezus 1
i een moederlijk gezag uitoefent ; zij |
ï roept Hem en Hij komt; zij vraagt en 1
| Hij stemt toe ; zij openbaart haar ver- I
i langen, en haar Zoon voldoet het aan- |
| stonds. Welk wondervol voorrecht ! i
| Het Hart onzer Moeder is daardoor |
ï in de grootste verwondering. Hare 1
| bewilliging in de woorden van den |
I Engelschijnt haar van weinig waarde, I
| als zij de toestemming overweegt van |
| het Hart van Jezus in alles wat zij zegt. 1
| Alle voorrechten aan schepselen |
| verleend, zijn niets in vergelijking 1
1 met het voorrecht, hetwelk aan onze |
| Moeder is geschonken, aan een God 1
i te bevelen. 1
iiiiiiimiiiiiiiiimiiio
ciiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii in mi iiini in in in in in iiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiM
1 134
«iiiiiiiiiiiiimiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiminiiniiiiimiimiiiiimmiiiiiiiiiiniim
I «Het is dan ook met evenveel juist- |
i lieid als diepzinnigheid, schrijft een |
| vroom en geleerd bisschop van Frank- |
| rijk, dat de H. Bernardus Maria in |
1 hare glorie, eene smeekende almacht \
1 noemde. Op aarde beval deze verheven |
| Maagd aan liaren aanbiddelijken Zoon, |
1 in den Hemel doet zij niets meer dan |
i Hem zegenen en bidden. Doch hare |
1 voorspraak is niet minder machtig |
1 dan haar gezag. Als zij bevelen gaf, |
| gehoorzaamde Jezus eraitswif/ïYits. |
1 Als zij Hem bidt, weet Hij evenmin |
| te weerstaan.» |
1 Maria bezit dus den sleutel die het |
| Hart van Jezus opent. Vergeten wij |
i nooit dat voorrecht, aan onze Moeder |
| geschonken. |
1 UI. |
| TOEPASSING.
1 Onze Lieve Vrouw van het Heilig |
| Hart stelt ons de bewonderenswaar- |
1 dige gehoorzaamheid van hot Hart van |
| Jezus aan al hare verlangens ter na- |
1 volging voor. Deze gehoorzaamheid, |
llllllïllllllllll IIMIIII1111111111111111111 M 11111111111 M 11111111111111111111111111111111111 III llinillll^
ttiiiiiiiiiiiiiiiiiitiiiiiMiiimmtimiiiiMimiimtmmmmiimiiiiiMMmiiMMiiiiiiiiMiiiin
I welke Hij zoo zeer heeft bemind en |
i ten overstaan zijner Moeder heeft be- 1
I oefend, verlangt Hij ook door ons be- 1 | oefend te zien, zoowél in het klooster |
| als in de wereld, ten opzichte onzer 1
| verplichtingen, die de zekerste uit- 1
1 drukking van zijnen wil over ons 1
ï zijn- 1
i «Voortaan,» zeide Jezus Christus |
i tot de Gelukzalige, haar de zending f
| opdragende de devotie tot het Heilig |
| Hart te doen kennen, « voortaan zal I
i ik mijne genaden afmeten naar den |
| geest van uwen regel, naar den wil 1
| uwer Oversten en naar uwe zwakheid; i
i in dier voege dat u alles verdacht moet |
| voorkomen, wat u van de stipte nako- 1
| ming van uwen regel aftrekt,waaraan |
i ik verlang dat gij boven alles de voor- |
| keur zult geven. Daarenboven ben ik 1
i tevreden, dat gij den wil uwer O veiquot;- |
ï sten boven den mijnen stelt, wanneer 1
| zij u verbieden zullen te doen, wat Ik |
| u bevolen heb. Laat hen doen alles 1
i wat zij van u begeeren, ik zal het mid- |
| del wel weten te vinden mijne plan- 1
i nen te doen slagen, zelfs door middelen |
«iiminmiiiinmimiiimi
1111111111111111 M11 M 11111111 tl
136
immiimitiiiiiiiiimiiiimiiiiiii!
1 die tegenstrijdig schijnen.» (1)
| Kunnen wij onze liefde voor Onze |
1 Lieve Vrouw van het H. Hart wel |
| beter toonen, dan door de gehoorzaam- |
1 heid van het Hart van Jezus na te vol- 1
i gen ? ' 1
i Oefening. In onze regels of ver- |
| plichtingen steeds den wil zien van het f
1 Hart van Jezus |
1 Schiet gebed. Onze Lieve Vrouw van 1
i het H. Hart. wier gebed almachtig is |
1 op het Hart van Jezus, bid voor ons. |
GESCHIEDENIS. |
i Onze Lieve Yrouw van het Heilig Hart |
= in Amerika. 1
= Zuid-Amerika. zoowel alsNoord-Amerika, =
i heeft talrijke bewijzen gegeven van dt voor- |
| deelen welke de devotie tot Onze Lieve |
\ Vrouw van het Heilig Hart oplevert. In =
\ Indiana, te Quebec, op het eiland Réunion =
i werd de Broederschap spoedig opgericht; =
ï prachtige heiligdommen zijn in de Nieuwe i
I Wereld ter eere van Onze Lieve Vrouw van =
| (1) Geluhz. Marg., uitg. Paray, II, 317. |
uniiiliiiiniilllliliiiiiiillliiliiiiiiiiiiiiiiiiiililiiiiiiiiiiiiiiiiiMiliiiiiiiiiiiiiutiiiiiiiiniiitl^
1 137 E
iiiiMiiiiimmmmimiiiiiimminiiimmiimiiiimiiiiiimiiiiiHiiiiii
het Heilig Hart verrezen. Wij laten hier een feit volgen waarin wij het vertrouwen eener moeder door Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart op eene schitterende wijze beloond zien. Te Guatemala (Midden-Ame-rika stond een jonkman van een achtenswaardige en christelijke familie, in een der laatste Amerikaansche revoluties, onder verdenking. De rechtbank sprak het doodvonnis over hem uit. De schuldige moest binnen eenige dagen doodgeschoten worden.
Bij het vernemen van deze vreeselijke tijding, wordt de arme moeder van den veroordeelde door de hevigste droefheid overstelpt, doch Iaat den moed niet zinken. Haar altijd hoopvol hart zoekt nog naar een redmiddel, als alles verloren schijnt: Daar On^e Lieve Vrouw van het H. Hart roept zij uit, de beschermster is der hope-loo^e ^aken, ga ik mij tot haar ivcnden. Vol vertrouwen en liefde, en gesterkt door het gebed, aarzelt deze nederige christin niet meer. Zij schroomt niets om gratie voor haar ongelukkigen zoon te verkrijgen. De onverwachtste uitslag kroont hare pogingen. Op hare bede, wordt de doodstraf in ballingschap veranderd. Het leven van haar kind is gered, doch hij moet zijn vaderland vaarwel zeggen en ten spoedigste vertrekken. Hetwas reeds veel, dit te hebben verkregen; maar het moederhart wil nog meer.
« Indien mijn foon,n zegt zij, «fyn broeder. die ^oo vurig wenscht hem nog eens iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimimiiiiiiimiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
138
iiiiimiiiiiimmiimiiMiiiiiiiiimiiimiiiiiiniiiniiiminnniiiinMinmMMiiHH'HiimM1
j terug te ^ien, een laatste maal kon omhel- |
[ %en ! i
i Maar die broeder, een pastoor, woont in =
= eene afgelegen parochie.... Geen nood!â =
i De moeder, door haar eerste welslagen =
= aangespoord, gaat bij de rechters deze =
= nieuwe gunst ai'smeeken. =
\ « Onmogelijk nzegt men haar, k daaraan =
= is niet te denken, ^oo iets is nooit gebeurd. » =
i Opnieuw wordt Onze Lieve Vrouw van =
= het Heilig Hart aangeroepen,... men smeekt |
i haar met heiligen aandrang; en de rechters, |
| tot groote verwondering van iedereen, staan |
\ het verzoek toe. Onze Lieve Vrouw van E
= het H. Hart had gewild dat de gerechtig- |
| held, die een mensch volgens de wet tot- i
à ballingschap veroordeelde, in alles met de =
| zoetheden harer barmhartigheid werd ver- |
1 eenigd. =
= Sedert dit werd geschreven, is de devotie =
| tot Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart |
i bijna over geheel Amerika verspreid gewor- =
i den; er werd een middelpunt harer Broe- |
| derschap en van al de Werken, die daarmede =
1 in betrekking staan, opgerichtte Wrtferfow» =
| (diocees van Ogdensburg), «rtfoyiVeiv-YorA:, i
= Vereenigde Staten, in de kerk der Mis- =
i sionarissen van het Heilig Hart. Aldaar |
| worden de tweede Engelsche Annalen uit- |
i gegeven, en kunnen onze Leden van Amerika |
| zich vervoegen, voor alles wat de Broeder- |
| schap aangaat. i
piiiiiiiiiiiii'iiiiiiiiiiimiiiii.iiiMiiiiiiiiiitiiiiiiiimimniiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiuJiiiiiijiliiit'
1 * 139 1
VIJFTIENDE DAG, |
Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, i
vol van dankbaarheid jegens God. i
Dankzegging door het H. Hart. |
Hoe zal ik den Heer ver- =
gelden voor al de weldaden, =
die Hij mij bewezen heeft. =
(Ps. CXV. 12) |
i. |
DANKBAARHEID VAN HET HART VAN JEZUS ï
JEGENS MARIA. i
AAN wij nog eens de woning ï
van Nazareth binnen ; Hij, |
die aan de vogelen des hemels ï
-
| hun nest verschaft, heeft behoefte aan i
1 eene legerstede, en het is aan Maria 1
| dat Hij die vraagt'? |
| Hij, die de leliën des velds tooit met 1
| een koninklijke pracht, heeft behoefte |
MiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiimmiiiiiiiin in limit iimimiiiiiiim ii imiiui in iiiiiiiifiitiimiiiiiMi
I 140 ' 1
^ iiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiimiiitniiiiiiimiiiiiiimiiiniiiiiiiiiiiimiiiiimiiimiiiiiiiiiuiiiiiiu
1 aan een kleed om zijn sterfelijk lichaam |
1 te bedekken, en het is van zijne Moe- |
1 der, dat Hij het wil ontvangen ! Indien |
| Hij openlijk zeide, dat Hij de God des 1
1 Hemels is, en zijne macht toonde, zou |
| men Hem oogenblikkelijk de woning, 1
| het purper en de spijze der koningen |
1 geven : maar Hij heeft besloten alles 1
1 aan Maria te vragen. |
1 Ziedaar hoezeer de dankbaarheid |
1 van Jezus Hart met eene verhevene |
1 teederheid uitschittert ! Hij weet dat 1
| het duizendmaal aangenamer is te ge- |
1 ven dan te ontvangen, en daar Maria 1
1 reeds zoovele gunsten heeft ontvangen, |
i bestaat die, welke men haar nog kan |
1 verleenen, in haar gelegenheid te ver- |
| schaffen van op hare beurt te geven. |
1 Tel al de diensten op, welke Jezus |
f aan zijne Moeder toestond Hem gedu- |
1 rende dertigjaren te bewijzen ! Welke |
| liefdevolle blikken werden op Hem i
1 gevestigd ! Welke handen droogden |
1 zijn zweet en zijne tranen af? Welke i 1 lippen overdekten Hem met moeder- | | lijke kussen? Alle goede diensten, die |
1 een kind aan zijne moeder vragen kan, |
iiiiiiniHiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiit
§ ' 141 1
itllliiniiiiiiiiiiiimimimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiimiiiTiiiii
I heeft Jezus aan de zijne gevraagd ; en i
| niet tevreden haar het voorrecht te 1
| verleenen van Hem diensten te mogen i
| bewijzen, heeft zijn Hart in zijne on- |
| eindige goedheid nog het middel ge- 1
| vonden, haar ieder oogenblik dank te |
| zeggen. |
f II* f
| DANKBAARHEID VAN ONZE LIEVE VROUW VAN I
1 HET HEILIG HART JEGENS GOD, |
| Van vreugde overstroomd, weet 1
| Maria deze liemelsche gunsten te waar- |
| deeren. Zij wil ook hare dankbaarheid 1
| betuigen Indien haar Zoon geheel en i
| al aan de glorie zijns Vaders moet toe- 1
ï behooren. zij moet de gevoelens van |
| Jezus deelen en ook den Allerhoogste 1
| dank zeggen. Dat is billijk ! Jezus |
| dankt zijn Vader, Hem Maria tot |
1 Moeder te hebben geschonken, en 1
| Maria dankt God, Haar Jezus tot |
i Zoon te hebben gegeven. Maar de 1
| dankzegging, die uit het Hart van |
| Jezus tot den Hemel opstijgt, is van 1
| eene oneindige waarde; die van Maria, |
«aiiiiiMiiiiiiiiiiiiMfiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimmiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiijiiiiii
1 142 1
iiiuuiuiiiiminiuiniiiiiiiiiniiiimiiimiimimimnuiimuiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii»
1 hoe heilig zij ook zij, is slechts de |
| dankzegging van een schepsel, en zou |
1 niet met de gaven en de dankbaarheid |
1 van een God kunnen vergeleken vvor- |
| den. 1
1 Daar echter dit Goddelijk Hart de |
| schat onzer Moeder is, zoo is ook |
1 de lofzang van dankbaarheid, die uit |
| dat Hart opstijgt, haar eigendom. Zij |
1 kan Hem dus als haar eigen goed aan |
| den eeuwigen Vader opdragen en tot |
1 Hem zeggen : « Gij hebt mij een Zoon =
| geschonken die God is, ik geef u dien |
i zelfden God weder, mensch geworden |
| van mijn vleesch en bloed. De betui- |
1 ging mijner dankbaarheid is aan de |
| ontvangen weldaad gelijk, en ik breng |
| u hulde zoo dikwijls Hij u hulde bren- |
i gen zal, doorzijn Hart, met zijn Hart |
| en in zijn Hart, dat mij toebehoort |.
1 en waarmede het mijne zoo nauw |
| is verbonden.» 1
f III. ⢠f
| TOEPASSING. 1
1 Kinderen van Onze Lieve Vrouw |
iiiiMiiiitl uiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiUiiiiniiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiirdiiM
1 143 1
-uiiiiiiiiiiiiitmiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiniiiii,,!
I van het Heilig Hart, wij hebben aan i i God eene schuld van oneindige dank- I | baarheid te voldoen, voor al de gaven | i die wij ontvangen hebben. Nemen wij | | uit de handen van Maria het Hart van 1 | onzen Goddelijken Meester aan, en dat i | Hetzelve onze lofzang van dankzegging | | zij, zooals Hij dat verlangt. « Weet gij 1 | wel,)) zeide Jezus eens tot de Geluk- i 1 zalige Margareta ; «tot loelh einde Ik \ | u mijne zoo overvloedige genaden \ = geef ? Het is om u in een heiligdom 1 | te herscheppen, waar het vuur mijner | i liefde onophoudelijk brandt; uw hart 1 | is als een gewijd altaar... Ik heb het | = uitgekozen om er aan mijn eeuwigen 1 | Vader vurige dankoffers op te dra- | | gen... en Hem eene oneindige glorie i | te geven door de opdracht, die gij | 1 Hem van Mij zult doen (1) | De Gelukzalige bracht Jezus' ver- | | langen in beoefening. «Mijn God,» | | zeide zij dikwijls, ik draag U uwen ï | welbeminden Zoon op, als Hiyne camp;m/j- i i zegging voor cd het goede, dat ik van \
ïi
i L
| (1) Geluhz. Marg., Paray, I, (54.
â llliniilHllllllllllllllllllllllMIllilllllllMIMIIIIIHIIlllllllllllllllMlllllllllllilllllllllMIIIIII
1 144 I
iiiiiiliiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiinifiiiuig
I U ontvang, als mijn verzoek, mijne 1
| offerande, mijne aanbidding, mijne be- |
= sluiten, en eindelijk ik draag Hem 1
| aan Uopalsmijneliefde enmijn al.» (1) |
ï Hoevele nieuwe en kostbare gun- 1
| sten zouden wij niet ontvangen, indien |
= wij, onder de bescherming van Onze 1
| Lieve Vrouw van het Heilig Hart, de |
= gewoonte aannamen, het Hart van i
| Jezus aan zijnen Vader op te dragen, |
| tot dankbaarheid voor al de genaden, 1
| welke wij ontvangen !
| Oefening: In den loop van den dag |
i een bezoek brengen aan het Heilig 1
| Sacrament, met het doel om Jezus 1
| eenige vergoeding te geven voor al 1
| de dankzeggingen, die wij verzuimd |
i of slecht verricht hebben. 1
| Schietgebed. Onze LieveVrouw van |
| het Heilig Hart, beschermster der 1
| zielen die dankbaar zijnjegens het H. i
= Hart, bid voor ons. 1
(1) Gelukz. Marg., Paray, 1,63.
Uiiïiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiniiuti
1 145 10 1
⢠llllllTIUIIIIIIll M IIMII 111! Ill I1II1M M lllllllltltllltl 111 II ItMIIIII Mlllll 1111IM 111 111 lltllMIM tlllll
GESCHIEDENIS.
i Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart |
| in Azië. |
| De Eerw. Pater Lequeux, van de Socie- =
| teit der Vreemde Missiën, was in de maand i
1 Juni 1S64, in de stad Tirouviar, koninkrijk |
i Fanjaour, Oost-Indië, er in geslaagd een 1
I stuk grond te verkrijgen, om er een katho- |
I lieke'kerk te bouwen. Deze uitslag was i
i slechts na overgroote moeilijkheden ver- i
I kregen, want Tirouviar is een geheel |
= heidensche stad, waarin het Evangelie nim- |
i mer was verkondigd. |
I Teen de fondamenten der kerk voltooid |
1 waren, zoo schrijft ons de Eerw. Pater, en |
= de eerste steen moest gelegd worden, dacht |
I ik na over den naam, welken ik aan mijn =
= nieuw heiligdom zou geven. =
= Ik was geneigd om het//ei/jg'//art i'fl); E
i Je^us of het Onbevlekt Hart van Maria te =
5 nemen, maar toen ik tusschen deze twee |
I eene keuze moest maken, kon ik tot geen |
= besluit komen, en zou ik twee heiligdommen |
i hebben gewild, om ze die namen te kunnen =
1 geven. |
i In deze besluiteloosheid verkeerende, =
I ontving ik een klein tijdschrift, dat melding =
i maakte van den titel van Onze Lieve Vrouw ;
I van het Heilig Hart. (1) Dezetitelvereenigde =
= (1) Dit was bet eerste artikel dat de Missionarissen |
i van het H. Hart van Issoudun, in Mei 1864, gezonden =
5 hebben aan de Bode van het Heilig Hart. =
;iili hij 111111111111 tl 11111111111 li 111111111111111 li 111111 li 1111111111 mi 11111111 li i li 111 h 111111111^11 ui
i 146 i
iiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiitiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiii,
i op wonderbare wijze de beide devoties ; de =
| moeilijkheid was uit den weg geruimd, het |
1 nieuwe heiligdom zou de kerk van Onze =
| Lieve Vrouw van het Heilig Hart genoemd =
i worden. |
à Den i Juli 1864 had er voor de eerste i
I maal in deze afgodische stad, een gewichtige |
i katholieke plechtigheid plaats, te weten; =
= het leggen van den eersten steen der kerk |
E van Onze Lieve Vrouw van het Heilig i
\ Hart. Al de pogingen der Braminen om |
E zich hiertegen te verzetten, waren vruchte- i
E loos. De kerk van Onze Lieve Vrouw van Ã
: het H. Hart werd voltooid ; een fraai beeld 1
E van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart i
à werd er in geplaatst, en de katholieke gods- |
E dienst deed zijne intrede in dit rijk des dui- =
E veis met een waarlijk koninklijken luister. |
I Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart 1
1 heeft er tegenwoordig voor goed haar troon H
ë gevestigd en verleent aan de christenen de =
; kostbaarste gunsten. § '
iiiiiiiiiiiiinitiiiiiMiiiiiiiiiiiiinirfiiiiiv
147
iiiiiiiminmmmiiiinimiiiiimimiiiimmmmimimmiimiimiimiimiiiimiiiniiiin
| ZESTIENDE DAG.
i â Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, |
| levende van het Heilig Hart van |
| Jezus. â Inwendig leven. =
£ Leert van mij ! want ik ben 5
| zachtmoedig en nederig van =
= harte. (Matth. XI. 29.) =
I 1. I
I JEZUS VORMT ZIJNE MOEDER NAAR HET LEVEN 1
% 1 VAN ZIJN GODDELIJK HART. |
IE liefde wil gelijkheid en een- 1
heid : ook wil zich het Hart |
van Jezus, dat geheel liefde 1
i is, in alle harten vermenigvuldigen ; |
| Het zal in hen leven ; Het zal zijne |
| deugden in hen voortbrengen; Het zal |
| voor hen handelen, en ieder christen 1
| zal kunnen zeggen ; «Ik bemin God, |
1 doch neen, ik ben het niet die bemin, |
ttmiïiiiimiimiiiiiimiiiiiiimiiiimiiiiiiiiiiimiiiiimimiiimimiiiimiiiiiiiiiiiujiii1
1 148 ï
iiiuiiliimiiniiinmiiiiiiiiiMiiiiiiiiimmimiiiiuiiiiiiiimimimiiiitimmimiimmmr
1 het is het Hart van Jezus dat in mij 1
| bemint, dewijl liet in mij leeft. » On- |
i der al die harten zal dat zijner Moeder f
| tot een volkomener gelijkenis gevormd |
i worden. Maria is, in werkelijkheid, |
| niet geroepen om in zich het aposto- 1
= lisch leven van Jezus Christus te doen |
| uitschijnen, noch zijn leven van won- |
i deren, noch zelfs zijne uitwendige |
| smarten, maar zijn innerlijk leven, dat |
1 leven van ootmoed en zachtmoedigheid, |
| van gebed, van liefde en opoffering. ï
1 Het is in dit leven van vereeniging =
| methet H. Hart, dat, bijna al de daden |
1 en woorden van Maria aan de aan- |
| dacht der menschen onttrekkende, |
1 haar iederen dag volmaakter doet |
| worden onder de machtige werking 1
1 der genade. |
| Het Hart van Maria geeft, als een |
i zuiver gestemd speeltuig, met juist- =
| beid de klanken van het Hart van |
i Jezus terug ; het stemt overeen met |
| diewelluidendeharp van den waarach- |
1 tigen David, de eeuwige barmhartig- |
| beid van den Allerhoogste bezingend. | 1 Dezelfde gevoelens worden er opge- |
niiiiijjimiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiimiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiniiiiii
149
â
iiminiimiimmiiiiiiimiiiiiiiiiiimiiiiimmiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiimimiiiiiiiiiTniiiii
1 wekt, dezelfde verlangens geboren, |
| dezelfde offerande volbracht, dezelfde 1
1 deugden beoefend ; het is waarlijk |
| slechts één hart en eene ziel, eor unum |
i et anima una. i
II.
i JEZUS WENSCHT HET I.EVEN VAN ZIJN |
| GODDELIJK HART IN MARIA VEREERD TH ZIEN. =
1 «Dit aanbiddelijk leven van Jezus |
| in Maria,)) schrijft de stichter van |
| het seminarie van Saint - Sulpice , |
| M. Olier, «tot heden zoo weinig be- \
1 hend, verdient, in de tegemvoordige |
| tijden meer en meer gekend en ver- \
1 eerd te zoorden... |
| «Indien de wijsheid van God, in |
1 den beginne, de innige gemeenzaam- i
| heid van Jezus Christus met zijne |
| Allerheiligste Moeder, door de heilige 1
-| Leeraars aan de Kerk niet heeft wil- \
1 len verkondigen... is het billijk zich 1
| thans op die heilige geheimen toe te |
1 leggen, nu, in den loop der eemcen de \
| Voorzienigheid van God er behagen |
1 in schept ze ons bekend te maken________1
'JiiliiiiiiiMmiimmiiiiiiimmmiiiiiii
mi I i 11 illl 11
150
lllllllll!lllllllllllll^llllllillllllllllIl,
iiiiiiminmimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiMiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiuiiniiiiiiiiiinr
1 Na de liefde en de godsdienstigheid |
i van Je zus jegens den eeuwig en Vader, \
| is er niets dat meer onsen eerbied en |
| onze liefde vraagt, dan de inwendige i
1 gesteltenis en gevoelens der ziel van |
| Jezus jegens Maria. Hij schept er he- |
i hagen in harten aan te treffen, die in |
I staat zijn om de werking zijner liefde |
1 jegens haar te bevatten, en die het |
ï leven hunnen voortzetten, dat Hij te =
I haren opzichte op aarde leidde. |
| «Boor deze devotie voor het imven- |
1 dige leven van Maria, doet Jezus zijne i
| dierbaarste vrienden de aangenaamste |
1 oefening van zijn geest, en de zoetste |
| bezigheid van zijn Hart navolgen.» =
1 « Telkens, n zegt de H. Thomas van |
ï Villanova, « als ik mij afvroeg, waar- i
| om men geen boek had 'geschreven |
ï over de daden der H. Maagd, gelijk i
1 men dat voor den H. Paulus gedaan |
| had, kon ik daarvoor geen andere 1
1 reden vinden dan dat de heerlijkheid |
| der H. Maagd inwendig was, en het 1
i gemakkelijker was zich die voor te |
| itellen dan wel die te beschrijven.» 1
1 Maar thans, nu Jezus Christus geen |
'iiiiimiiiiimiiiiiiimiiiiiiimiiiiiiinmiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiimiiimiiiiiiiiiiiiiimiiiii löl
iiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiimiiimimiimiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiminiimiimiiiim
1 vuriger verlangen heeft dan ons zijn |
| Goddelijk Hart te doen kennen, toont 1
i Hij het ons, levende in Maria, ons |
| roepende door Maria, tot ons komende 1
| door Maria. 1
| Dat is de gedachte, die zich meer en |
| meer van de zielen meester maakt, 1
| naarmate zij beterde devotie van O. L. f
| Vrouw van het H. Hart begrijpen en |
| beoefenen. 1
| III. |
| TOEPASSING. 1
1 Ditinwendigeleven, datjezus voort- i
| durend in O. L. Vrouw van het H. 1
1 Hart geleid heeft, en de heilige gevoe- |
| lens. waarin deze bewonderenswaar- |
1 dige Maagd leefde, zijn zoo dierbaar |
| aan het Goddelijk Hart, dat beide 1
| door Hetzelve als toonbeelden ons wor- |
| den voorgesteld. |
| (i Op een Vrijdag, voelde ik mij,» |
| schrijft de Gelukzalige Margareta, 1
| «gedurende de H. Mis met een groot |
| verlangen bezield, het lijden van mijn |
1 gekruisten Bruidegom te vereeren, | Miiiiniiiiiiiiimiiiimiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimimm iiniiiiiiiiiiniiiii
E 152 1
iiiiiiiTiiiiiiimiiiiiiiiimmmimiiiiiiiiiiiiiuiiiiiimiiiimiiiiiimiiimmiiiiiiiiiiiiniiii»
1 Hij zeide mij liefdevol dat Hij wenschte 1
| ____dat ik Hem op het kruishout kwam 1
| aanbidden, door te trachten mij in de- 1
| zelfde gesteldheid te houden, waarin 1
1 de H. Maagd gedurende het lijden des 1
| Zaligmakers zich bevond, haar lijden |
i met het lijden van haren Goddelijken 1
| Zoon aan den eeuwigen Vader opdra- |
| gende, om Hem de bekeering der ver- 1
| steende harten af te smeeken. Voor |
| hen,dieaandezeoefeninggetrouwzijn, 1
I zaleenezaligedoodbereid worden.» (1) |
| Een andermaal leerde Hij haar nog |
| de heilige Mis te hoeren, in eene ge- I
| steltenis als die der H. Maagd, toen i
i zij zich aan den voet van het kruis 1
| bevond ; de H. Communie te ontvan- |
| gen met de gevoelens, die zij had op 1
| het oogenblik der menschwording ; |
| het gebed te verrichten in dezelfde 1
| stemming waarin zij in den Tempel |
| werd opgedragen. (2) |
| O, mocht het inwendige leven, zoo |
| weinig beoefend in onze dagen, dat |
= (1) Geluh.z. Marg. Maria, Paray, I. 68 |
| (2) Idem i
liiiiniiiiiiiiiiiiiiijiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiTiiiit»
1 153 1
1 verborgen leven van Jezus' Hart, dat |
i leven van O. L. Vrouw van liet Heilig 1
i Hart. het leven onzer ziel worden, en |
1 steeds het voorwerp zijn onzer vurig- |
I ste gebeden. 1
| Oefening. Eenige oogenblikken in |
| ernstige overweging doorbrengen, om =
| te onderzoeken hoe het met ons in- |
| wendig leven gesteld is. Kennen wij 1
| het ? Beminnen wij het ? Leggen wij |
| er ons op toe ? Maken wij daarin vor- |
| deringen ? |
| Sdiietgebcd. Onze Lieve Vrouw van |
1 het Heilig Hart, levende van het leven |
i; van liet Hart van Jezus, bid voor ons. |
| GESCHIEDENIS. |
i Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart =
| op Madagascar, Afrika, |
| Den 18 November 1867 kwam te Mada- |
= gascar een prachtig beeld van Onze Lieve |
= Vrouw van het Heilig Hart aan; de Broeders |
i der Christelijke Scholen, aan wie het beeld |
= was gezonden, verschaften het een waren =
i triomf. Men bracht het aanstonds naar de =
uiiiiiliiiiiiiiiiniimiiiiiiiiiiiiiiiijuiiiiinimiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiniiu
l 154 ' ï
iiiiiiiniimiimimiiimimmimimiimiiiimmiiiMmimiiniiiiimiiimiimiitmiiiiiiir
= 3
I kerk, waar het tot op Zondag werd tentoon- =
1 gesteld. Op dien dag hield de Eerw. Pater 1
| Jouen, Apostolisch Prefect, eene predikatie, i
| in de Fransche taal, die door een missionaris =
i terzelfder tijd in het Malgagisch vertaald i
i werd, om den nieuwen titel, aan Maria |
= gegeven, te verklaren. Hij ging vervolgens i
= over tot de plechtige wijding van het beeld i
i van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart. =
| Gedurende deze zeer schoone ceremonie, 1
= droeg de jeugdige Prins Ratahiry, ver- |
3 moedelijke erfgenaam van den troon, als i
| koorknaap gekleed, met zichtbaar welge- |
= vallen het wijwatersvat, en M. Laborde, i
| consul van Frankrijk, woonde dit feest bij. |
| De kerk was letterlijk vol van geloovigen, =
= waaronder zich ook protestanten bevonden. =
| Den volgenden dag deden de kinderen der i
= Congregatie, kortelings opgericht onder de =
| bescherming van Onze Lieve Vrouw van i
| het Heilig Hart, hunne opdracht aan Onze |
i Lieve Vrouw, en verzochten dat een afschrift =
| hunner woorden, door hen allen onder- i
= teekend, naar Issoudun zou worden gezon- |
= den. Een der voornaamste gunsten die zij i
jj van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart |
= in hunne vrome op Jracht, afsmeekten, was =
| de bekeering van hunne afgodische koningin i
= Rasoherina. |
| Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart i
= weigerde niet aan hunne bede gehoor te |
= geven. Nauwelijks was het smeekschrift =
| te Issoudun aangekomen, of het water van i
| het H. Doopsel vloeide over het hoofd der | iiiiiimiiinmiiiiiiMifiimniiiiniiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiMimiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiJiii
1 155 1
i
illlinuiiijiimiiiijiiijiiiMMiiijinitiijiiniiiiiimiMiiiiMinijimMMiminmiiniii
I Koningin, die het geluk had katholiek te = sterven.
| De devotie tot Onze Lieve Vrouw van i het Heilig Hart is sedert op het groote eiland van Afrika veel vermeerderd, en ondanks de ongelukkige tijden, hadden in 1872 de Malgagen het geluk een nieuwe kerk te Ambava Ademitafo (Madagascar)te zien verrijzen, toegewijd aan Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart. Deze munt over het geheele land door hare bouwkunst uit; hare inwijding is een der schoonste kerkelijke feesten geweest, die men in die landstreek nog ooit bijwoonde, en de goedheid van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart gaat meer dan ooit voort hare gunsten daar mildelijkuit te deelen.
IIIIII1INII1I1IIII Nllllllll 11 llltllMlIltniIllllIillIlllllllllIl III UI I1UI till IIIIMIIM tllll
1 156
. ZEVENTIENDE DAG.
Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, helpster van het Hart van Jezus. Opdracht onzer gebeden aan het Heilig Hart.
Ga op geen anderen akker aren lezen.
(Ruth. II. 8.)
i.
HET HART VAN JEZUS MAAKT ONZE LIEVE VROUW VAN HET li. HART DEELACHTIG AAN DB VERDIENSTEN VAN ZIJN APOSTOLISCH LEVEN.
ET leven van den Verlosser | zal niet geheel te Nazareth | worden doorgebracht; dertig |
| jaren heeft Hij er in het verborgen ge- i
1 leefd ; het oogenblik is nu voor Hem |
| aangebroken om het Evangelie te ver- |
ï kondigen. |
liliiiniiiiimiiiimmmmimtiiiiimiimiimiiiiiiimiiimiiiiiiiiiiiiiimiiimmimjmiii
1 157 ^
iiiiiiiTniiiiMiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiTMiiii
I Gelijk de man die werklieden vooi* |
f zijn wijngaard zoekt, gaat Jezus uit : i
| Hij zal twaalf arme visschers uitkiezen 1
1 om. als zijne afgezanten, de wegen en 1
| de harten op zijne komst te gaan voor- f
| bereiden. Vergeten wij in dit plechtig |
| uur Maria niet, want Jezus heeft Iret 1
1 eerst aan haar gedacht. Reeds sedert |
| lang heeft zijn Goddelijk Hart haar 1
| uitgekozen om de koningin der Apos- |
| telen , zijne wegbereidster en zijne 1
= medehelpster te zijn in al de werken |
| die Hij gaat voltrekken. i
| «Sta op, mijn Welbeminde, kom, |
| de bloemen der genade beginnen zich 1
| op aarde te vertoonen.» |
| Stemme Gods, die tot zulk een 1
i verheven zending roept, wat moet gij |
| het Plart mijner Moeder met vreugde 1
1 hebben vervuld ! |
| Onze Lieve Vrouw van het Heilig |
1 Hart neemt deel in alles wat het Hart |
| van Jezus hierbeneden wil volvoeren; |
1 zij zal Het bijstaan in het verlossen |
| der zielen, en dit nieuwe voorrecht 1
1 zal evenwel de beoefening van het ver- |
| borgen leven niet uitsluiten.
iiiiiiiniiiiimmmiiiimiiiiiiiiiimiumiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiTimn |
à 158 ï
jiiiiiimiiiiiiiiiiimimiiimimmiiMiiiiiimiiimmiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiii
I Zij zal met Jezus werken, zonder |
| dat het noodigis Hem onder de menigte I
1 te volgen ; de taak welke zij te ver- I
| vullen zal hebben, komt meer overeen =
1 met het inwendig leven van het Heilig |
| Hart, dat zijn eigen leven is. 1
i Hare bijzondere roeping is, de Apos- ï
| telen voor hunne bediening geschikt |
1 te maken, door den invloed harer |
| deugden en de kracht van haar gebed ; |
1 aan liet heil der zielen te arbeiden, ï
| door voor haar de genaden van het |
1 Heilig Hart te verkrijgen. |
1 H. 1
i 0.NZE LIEVE VROUW VAN HET HEILIG HART, |
| MEDEHELPSTER VAN HET HART VAN JEZUS. |
| Maria leent zich met ijver tot dit |
| apostelschap, dat haar in de gelegen- |
1 heid zal stellen om zielen te redden ; |
| doch wat zal hare handeling uitwendig 1
1 met die van Jezus verschillen ! De i
| Verlosser zal het woord der Eeuwige |
1 Waarheid verkondigen ; Maria zal |
| naar zijne woorden luisteren en dezelve =
1 in beoefening brengen. ï
lm iiiTiiu 1111 ii 1111111 ii 1111111111111111111111111111111111111111111111111111111111111111111111111 ij 11
à 159 Ã
iiimiiiiiiiiiinmiiiiiimimimiiimmimimiiiimmmmiiiMimmmiiiiiimiimiimiiii
1 De Verlosser zal door steden en i
| dorpen trekken ; de menigte zal Hem |
| nu eens op de kruin van een berg aan- |
i treffen, dan weder in den Tempel, om |
1 Hem daarna aan de boorden van het 1
| meervan Tiberias te ontmoeten. Hij zal |
| overal heengaan; Hij zal steeds gereed |
| zijn, om tot eenieder het woord te f
| richten, hetzij Hij, zooals aan den put |
| van Jacob,eene Samaritaansche vrouw |
1 voor zich heeft, of dat Hij omringd |
| wordt door eene tallooze menigte ge- |
1 lijk die, welke Hij op eene wonder- |
| dadige wijze met brood spijzigde. 1
i Maria zal gewoonlijk in bare nede- |
| rige woning verblijven. Terwijl Jezus |
i van God zal spreken tot de harten der |
| menschen, zal zij over de menschen 1
1 spreken tot het Hart van Jezus. Zij |
| zal vragen dat de genade de harten 1
| moge voorbereiden, dat het licht de |
| verstanden verlichte, dat het kostbare i
1 zaad des heils in goed bereide zielen |
| valle. 1
1 Jezus dus treedt in het openbaar op, |
| Maria houdt zich verborgen ; Jezus 1
i spreekt, Maria zwijgt. In dien zij slechts |
| 160 i
iiiiiiinmiiiiiiiiiiiiimiimimiiiiiimiiiiiiiiimiiiiimiiiiiimiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiïiiiiin
I geluisterd had naai' de inspraken van |
| haren ijver, o, hoe zou de Koningin 1
| der Apostelen de verbaasde volkeren |
| opgeroepen hebben, om haar te volgen ! 1
ï Hoeveel geheimen zou zij van het i
| Hart baars Zoons hebben kunnen open- 1
i baren ! Doch het stilzwijgen is haar ?
| opgelegd : zij zal gehoorzamen, en de |
| verdienste van haar stilzwijgen zal i
| nuttiger zijn aan het Hart van Jezus |
1 voor het welslagen van zijn aposto- 1
i lisch leven, dan al de tochten zijner |«
| apostelen en discipelen te zamen.
I III. 1
| TOEPASSING. 1
| Wij ook willen, in het gevolg van |
| Onze Lieve Vrouw van het Heilig =
1 Hart, aan het heil der zielen arbeiden. |
| Dit is een der voornaamste doeleinden 1
| onzer Aartsbroederschap, welke bij |
| voorkeur hare gebeden stort voor de i
| hardnekkigste zondaars en de hope- |
| looste zaken. |
| Welnu, de devotie tot Jezus' Hart, |
| deze godsvrucht tegelijk vurig en werk- 1
Uliiuiliiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiïiiiii;
11
161
jiniuTiiiiimiiiiiuiiimimmiimiiimiimii
' | dadig, inwendig en uitwendig, is liet i
1 krachtigste middel dat ons door Jezus |
| Christus gegeven wordt. «Mijn God- |
i delijke Verlosser heeft mij doen ver- i
| staan, » schreef de Gelukzalige Mar- |
I gareta, «dat zij die toerhen aan het |
| heil der zielen, dewetcnschaji hezitien \
\ zidlen de versteendste harten te tref- \
| fen, en met eemconderbaar icelslagen i
1 zidlen arbeiden, indien zij zeiven |
= doordrongen zijn van een teedere de- i
⢠i votie tot zijn Goddelijk Hart. n (l). i
I En elders sprekende over de ver- 1
1 traging die de verspreiding der af heel- |
| dingen van liet H. Hart ondervond, i
1 zegt zij : (i Het schijnt mij toe dat de i
| duivel de uitvoering van dit goed werk \
| buitengewoon vreest, om de glorie die i
| het aan het Heilig Hart van onzen |
i Heer Jezus Christus moet geven, door |
i het heil van zoovele zielen, dat de §
| devotie tot dit beminnelijk Hart be- \
| werkt, ten gunste van hen die zich =
1 geheel aan Hetzelve opofferen om Het |
| te beminnen, te eeren en te verheer- \
1 lijken.» (2) 1
| (1) Gel. M., Paray, II. 236. (2) 11.100. |
«mfiJiiiMiiimiiiiiiimiiiimimiiiiiiiiiiMmiiimimiimniuimimmmiimmnn;nii|
i 162 r
imiiimmiiiiiiiiiiiimimiiiiiiiMiiiiüiiiiir
Bidden wij Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart, ons de waarde van eene zoo heilzame devotie te leeren waardeeren.
Oefening. Aan de devotie tot het het H. Hart al het gewicht hechten, dat Onze Heer vraagt.
Schietgebed. Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart, Medehelpster van het Hart van Jezus, bid voor ons.
I GESCHIEDENIS. |
= Onze Lieve Vrouw van het Heilig Kart i
| in Oreanië. |
| Sedert i865 was de naam van Onze Lieve §
| Vrouw van het Heilig Hart de zee reeds ï
| overgestoken, en met liefde in Oceanië be- i
| groet. Mgr. Tepano Jaussen, bisschop van 1
= Axieri, en apostolisch vicaris van O'Thaïti, i
| richtte op dat tijdstip aan Issoudun het 1
| volgend schrijven : =
| Thaïti, 5 November i865. Ã
| a Op het oogenblik dat een hevige'storm |
| tegen on^e missie van Gambler was losge- i
| broken, die haar met een volslagen onder- |
| gang bedreigde, is mij, hoe weet ik niet, 1
T -
iniiiniiiimiiiiimmiiimiiMiiiiiiiMMiiMimiiimimimiiiiiiiiiiiiimiiimmmiiiiimi
I 163 1
Illllllllllll 11111111II111111111111111
lllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllll'lllllllllllll
het verslag der Broederschap ter eere van =
On^e Lieve Vrouw van het Heilig Hart |
in handen gevallen. |
Indxm het de Heer is, die het door de |
handen van Maria als een teeken van ï
bescherming tot ons jendt. Hij jij ge- | zrgend!....
De vrome bisschop zag zich niet in zijne |
hoop bedrogen ; Onze Lieve Vrouw van het |
Heilig Hart gaf hem een schitterend bewijs i
harer macht. i
Op het Paasch-eiland, het laatste ooste- |
lijke eiland van Oceaniê, moest voor de |
eerste maal het Evangelie verkondigd wor- :
den. Sedert nauwelijks twee jaren, was het, |
gedurende eenige maanden, onder de drei- =
gendste gevaren, broeder Eugenius Eijraud, |
van de Congregatie der Missionarissen der i
H. H. Harten van Jezus en Maria, gelukt, |
eenig onderzoek aldaar in te stellen. Dit |
barbaarsch, heidensch, bedorven en dief- |
achtig volk, beloofde niet veel troost; maar |
de naam van Onze Lieve Vrouw van het =
Heilig Hart wekte den moed derMissiona- |
rissen op, en deze machtige Voorspreekster :
in hopelooze zaken, werd als bijzondere =
patrones dejer nieuwe missie verkozen. |
« Ja, mijn Vader, laten wij On^e Lieve |
Vrouw van het Heilig Hart veel bidden, » |
schreef men op dat tijdstip in naam der ï
Missionarissen, « en weldra gullen wij deje i
anne wilden hunne dwalingen jien verlaten, |
Ill 11111M ! 1111111
om het allermeedoogendst Hart van Je^us \
iiimiiimmii
iiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiuiiiiMiiiiiniiiiiiimni
164
iiinrriiiimiiMMnmitiiiiiiiiiiiimiiiiMiimimimiimmiMmiiiimiiiiiiMiiiiiiiitiiTiiiiin
I te loven en te prijken evenals dat van fijne |
E allerzoetste Moeder, On^e Lieve Vrouw f
= van het Heilig Hart »
i Dit voorgevoel werd letterlijk vervuld ... |
= De missie werd met een zoo buitengewoon =
i goeden uitslag bekroond, dat er den 14 i
i Augustus i8(58 des morgens, slechts zeven |
5 /zezrfCHd';? op het eiland waren overgebleven; =
= vóór het vallen van den avond hadden deze |
= zeven het Doopsel ontvangen en beloofd, =
|. volgens de heilige voorschriften van den 5
= godsdienst te leven. Maria's overwinning |
I was volkomen. Al de bewoners van het =
f Paasch-Eiland,ten getale van |
= geen enkele uitgezonderd, waren katholiek =
à geworden ; zulk een wonderbare uitslag had |
H men te danken aan de eerste missie, gepre- =
= dikt op het eiland onder de bijzondere =
i bescherming van Onze Lieve Vrouw van |
= het Heilig Hart. =
= Deze zoo treffende naam was alzoo wel |
l door Maria, als een teeken van hescher- =
= ming, te midden van den storm toege^on- |
i den. i
= In Oceanié bevindt zich 't onmetelijk =
= vicariaat van Melanesie en Micronesië, in E
E 1881 aan de Missionarissen van het Heilig §
E Harttoevertrouwd.Zij hebben bezitgenomen =
I van dit uitgestrekt grondgebied in den naam E
E van Onze Lieve Vrouw van het Heilig E
I Hart, welken naam zij gegeven hebben aan |
E de kleine baai, op Nieuw-Brittanje, waar E
E zij het middelpunt der missie hebben ge- 5
§ vestigd. f ......................................................................................
1 165 1
uiiiiïïiiiiifmuimmiinmimmmmmmiiiiiiimiimuiiiiiiiimiiiimmmmminimii
1 Mogen het Heilig Hart en Onze Lieve = i quot;Vrouw weldra in deze woeste en harbaarsche = i streken gekend en vereerd worden ! =
iiMiiiuiiiimMiriiiiiiimiiiiiiiiimiiiiiiiimiiiiiiiiMmni
166 ' I
iimiimmimimimMiiiiiiii
ACHTTIENDE DAG. |
Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, |
welbeminde leerlinge van het |
Hart van Jezus. |
Leerling dien Hij lief had. =
(joan. xix. 25). =
I. 1
heï hart van jezus doet onze lieve vrouw van het h. hart als zijne welbeminde leerlinge kennen.
EDURENDE meer dan di'ie 1
jaren, laat onze Heer in zijn |
li openbaar leven, zijne weten- |
| schap, zijne deugd en zijne macht voor |
| de wereld uitschijnen. Hij doet zijne |
| leerlingen, zijn koningrijk, zijn he- |
| melschen Vador kennen____ Maria zal 1
| niet vergeten worden. |
iiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiu
167 1
....................................................................................
1 Het is waar, zij is geroepen het f
| verborgen leven van het Heilig Hart |
1 na te volgen, zij zal deze bewonde- |
i renswaardige en stille zending voort- |
| zetten, zelfs wanneer zij haar Godde- i
1 lijken Zoon op zijn apostolische loop- |
| baan vergezelt. Doch het Hart van i
| Jezus zal op dit verborgen leven de |
| aandacht vestigen der verwonderde 1
ï menigte. Indien een zijner hoorders |
I in loftuiting over de moeder, die Hem |
1 het leven schonk, uitbarst, antwoordt |
1 Hij met het gezag eens meesters : |
| Gelukkig is hij die naar mijn woord |
| luistert en het in beoefening brengt!... i
1 Indien men tot Hem zegt: Uwe Moeder |
1 is daar, zij zoekt u, zal Hij zeggen ; |
| Wie is mijne Moeder ? Al wie den wil |
1 van God volbrengt. i
| Wat beteekenen deze woorden, zoo |
1 niet, gelijk de H. Augustinus zegt, |
| dat Maria veel gelukkiger is Jezus 1
| in hare ziel te ontvangen, dan Hem |
| zijn menschelijk wezen gegeven te |
| hebben ; want waartoe zou het haar |
| gediend hebben, voegt er deze groote |
| Kerkleeraar bij, volgens het vleesch |
mmmiirnmii
iiiiiimiiiiiiiiiiiii
168
Iiimniiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiliiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiniiiiii.
I de Moeder van God te zijn, indien zij 1
1 het ook niet was volgens den geest, f
| Onze Heer Jezus Christus verklaart 1
i alzoo dat Mariadegetromve Leerlinge i
| van zijn Hart is, door ie luisteren 1
1 naar zijn woord, door het in beoefe- i
| ning te brengen en in alle zaken den i
1 wil van God stipt te volbrengen. |
II.
H ONZE LIEVE VROUW VAN HET HEILIG HART, = AANDACHTIfi BIJ DE GERINGSTE ï
ONDERRICHTINGEN VAN JEZUS' HART. |
| Gedurende het openbaar leven van 1
1 den Verlosser, zal Maria zich op een |
| afstand houden, opdat de oogen der |
1 menschen des te meer op Jezus zouden i
| gericht worden ; zij zal trachten zich |
1 te doen vergeten, opdat de menigte de |
| genadeschatten van de vleeschgewor- |
1 den Wijsheid aan God, en niet aan Ma- |
| ria zou toeschrijven ; dikwijls zal zij te |
| midden der menigte,,die den Verlosser |
| vergezelt, onopgemerkt blijven, en |
1 getuige zijn zijner talrijke mirakelen. |
| Duizenden toehoorders zullen het God- 1
iiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiimiiiiiiimiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiimmmiiiiiiiiiiiiiiiniiiiii.
1 169 1
tiimfTiiiiimiiMiiniiitimiiiimiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiMiiimimiiiiiiiiimiiimiiiiiiiiniiiiiii
1 delijk woord hoeren, zonder het te |
| begrijpen ; Maria zal het begrijpen, ï
1 zelfs nog voor dat zij het gehoord i
1 heeft ; zij zal het begrijpen uit de |
1 blikken, uit de zuchten, uit de ge- i
| ringste handeling van haar Zoon : |
1 haar hart zal met het Hart van den |
| GoddelijkenMeester vereenigd blijven |
| en er de kennis van het eeuwig leven |
| uit putten. 1
| Onder al degenen die het woord van |
1 den Verlosser bewonderen en uitroe- |
1 pen : «Nooit heeft eenig mensch zoo |
| gesproken... Wie is Hij,aan wien de i
| stormen en de zee gehoorzamen (» is |
| het getal zeer klein dergenen die let- |
1 ten op zijne deugden, zijne nederig- |
| heid, zijne zachtaardigheid, die goed- |
| heid, dat onuitputtelijk geduld, die |
| den grondslag van zij n Hart uitmaken.. |
1 Dat heeft Maria bijzonder gedaan. |
I HI. 1
| TOEPASSING. I
1 Laten wij Jezus, op het voorbeeld |
| van Onze Lieve Vrouw van het Heilig |
iiiiiiniiiiiiiiiiimiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiimmmiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiuiinni
i 170 1
iiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiliiiiiii
1 Hart, niet volgen om getuigen te zijn |
| van zijne wonderen, maar om van Hem 1
| de verborgenste deugden van zijn God- |
i delijk Hart te leeren. Daardoor zullen 1
| wij als zijne ware leerlingen erkend |
ï worden. «Leert van mij, n heeft Hij 1
| ons gezegd, «dat ik zachtmoedig en |
I nederig van harte ben.»
| Handelde Hij niet evenzoo jegens |
I de Gelukzalige Margareta Maria ? 1
| «Eens,» verhaalt zij, «vroeg Hij mij |
1 mijn hart, en verzocht ik Hem het te 1
| nemen ; Hij deed het, en legde het in |
| het zijne, waarin Hij het mij deed zien 1
| als een stofje, dat in dit brandende |
1 fornuis verteerd werd ; en het er weder 1
| als eene vurige vlam, in den vorm |
| van een Hart, uitnemende, legde Hij |
| het terug op de plaats, waar Hij het 1
| genomen had, zeggende : «Indien gij |
| tot heden slechts den naam van mijne |
| slavin hebt gedragen, geef ih u nu i
i dien van leerlinae van mijn Heiliq i
| Hart....* (1) f
1 Aldus beloont God de nederige en |
| (1) Geluhz. Marg., Paray. II. 326.
iiiiiiiiniiiJiiiiiiiiiiiiiiiiiM/ijiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiininiiiiuiiiiiit
I 171
....................................
1 in het verborgen levende zielen____
I 0, Onze Lieve Vrouw van het Heilig
1 Hart, leer mij de nederigheid van
| Jezus' Hart beoefenen.
| Oefening. Heden een hoofdstuk in
i de Navolging van Onzen Heer Jezus
| Christus lezen ; dit schoone hoek is de
| uitlegging dezer woorden: Wees gaarne
i onbekend... ama nesciri.
1 Schietgebed. Onze Lieve Vrouw van
| het Heilig Hart, welbeminde Leerlinge
| van het Hart van Jezus, bid voor ons.
GESCHIEDENIS. |
Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart =
in Thibet. |
Ziehier wat ons door den Eerw. Pater =
Desgodins, apostolisch missionaris inThibet, | den iS Januari 1868, geschreven werd :
« Ik had aan mijn eerbiedwaardigen |
apostolischen vicaris, Mgr. Chauveau de E
toestemming verzocht om, voor het geval =
dat wij ons in het land konden vestigen en er |
eene kapel bouwen, deze aan Onze Lieve §
.Vrouw van het Heilig Hart toe te wijden. |
Indien dus Onze Lieve Vrouw van het | ..............................................................................
172 I
111 M II III tl M 1111111111 llll I llll I iiiiiuni^
«iiiimiiMtiMinmiiiiMiimmniiiMiiimmiimiiiiiiiiiiiMiimiiiMiiniimiiiiiiiniiiiiiiiu
I Heilig Hart haar heiligdom wil bezitten in =
1 Thibet, Jat zij zich dan gewaardige zelve |
i de hinderpalen uit den weg te ruimen, want =
| wij kunnen niets meer doen. Ik kan geen |
1 duim breed grond aankoopen. » =
1 Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart, =
= uitgenoodigd om zich zelve de hulde te |
= brengen, die voor haar bestemd was, sloeg |
§ de hand aan het werk; laten wij den mis- i
= sionaris zelf dit gunstbetoon verhalen. =
| Yerkalo (Thibet), 25 Juli 1872. |
I « Ik haast mij u eene goede, jfee;- goede |
= nieuwstijding' mede te deelen. Al de hin- =
I derpalen, die de oprichting van het huis 1
I en der kapel van Onze Lieve Vrouw van |
1 het Heilig Hart in den weg stonden, zijn i ,
I sedert gisteravond uit den weg geruimd. |
= Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart =
I heeft alles in orde gebracht, veel beter dan i
= wij dat gouden hebben kunnen doi'n en veel =
I beter dan wij het durfden hopen. Nadat wij ï
I ons verzoekschrift aan Onze Lieve Vrouw |
I van het Heilig Hart dringend hadden aan- |
I bevolen, werd het aan het inlandsch opper- i
I hoofd overhandigd, naar wien het volk ons |
I verwezen had. (Het verzoek hield in om tot i
i het bouwen te mogen overgaan.) Het opper- i
I hoofd ontving ons vriendelijk, en gaf ons i
I goede woorden; wij kwamen nog dikwijls i
= met hetzelfde verzoek terug, en hij ontving i
§ ons altijd op dezelfde wijze, maar men var- =
I i/erfiteHie^.Eindelijk,toenikeens bijnageheel i llmijjlMmiiimiiMiHiiiiiiMiiNiiiiMiiiiiiiiniimiiiimiinmiiiiiiiiiiiimniiiiimiMiniin
1 173 1
iiiiiiniiiiiniiniimiiiimiimiiimiiiimiiimiiiiiimiiimimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
= ontmoedigd, mijne woning wederom bin- =
I nentrad, zeide ik tot de goede Moeder: Het i
| is uwe ªk, handel er mede gelijk gij ver- =
= kiest, ik laat er mij niet meer mede in. Zij i
| nu liet zich met deze zaak zoo zeer in, dat §
= acht dagen daarna, zonder nieuw verzoek =
à van onze zijde, het opperhoofd ons een |
= geschrift toezond, waarin hij aan het volk =
= beval, ons de volle vrijheid te laten tot het =
| bouwen van ons huis. Er waren slechts twee =
= of drie woorden te veranderen om dit ge- =
| schrift uitmuntend te doen zijn ; hij veran- i
= derde ze, en hechtte er zijn groot officieel =
| rood zegel aan vast. |
E «Merk op dat wij in het eerst slechts aan =
= het Hoofd verlof gevraagd hadden om in \
i het bosch hout te hakken.... Doch Onze =
= Lieve Vrouw van het Heilig Hart doet ons =
= een geschrift ter hand stellen, dat onzen Ã
| toestand geheel verandert. Zwervende §
= vreemdelingen als wij waren, zijn wij thans =
= officieel als burgers erkend. Deze gunstbe- ë
= wijzing konden wij niet hopen.
= Desgodins, =
| Apostolisch Missionaris. =
= Van toen af heeft Onze Lieve Vrouw van |
| het Heilig Hart niet opgehouden deze ver §
= verwijderde missie te beschermen; de erken- ë
= telijke Missionaris heeft aan de Basiliek van =
= Issoudun eene prachtige zilveren lamp ge- =
= schonken, die zonder ophouden zal branden Ã
| voor het beeld van Onze Lieve Vrouw van =
à het Heilig Hart, in naam der Thibetanen. ë
iniimniiimiiiiiMimiiimmimmimmiiiimmmiimimmimmiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiii
1 . 174 1
NEGENTIENDE DAG.
Vereeniging van Maria en Jozef in het Heilig Hart van Jezus.
Eén hart en ééne ziel (Act. IV. 32,)
i.
HET HAKT VAN JEZUS YEREENIGT MARIA EN JOZEF IN EEN ZELFDE LIEFDE.
jjET leven van Jozef is, in war- |
kelijkheid, het meest gelijk- i
vormig aan dat van Maria ; |
| zij ontmoeten elkander, volmaken cl- i
1 kander, vereenigen zich in de liefde 1
| van' het H, Hart, |
1 Is de Onbevlekte Ontvangenis van 1
| Maria een geloofspunt, het wordt ook |
ï algemeen aangenomen dat Jozef reeds 1
| in den schoot zijner moeder geheiligd |
i werd. 1
niiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimmiiiiiiiiiiiMimimiiimiiiiiiiiiiiimiitiiiiniiiMiiinTtimi»
175 I
I Maria is maagd, ook Jozef bezit de |
I maagdelijke zuiverheidâ |
| Hunne geheel heilige en geheim- |
1 volle vereeniging is rechtstreeks door i
| God voor hen bereid, en werd, volgens i
i de overlevering, slechts op een bevel |
| des Hemels aangegaan. |
ï Het geheim der Menschwording |
J verklaart hun alles ; het Goddelijk |
ï Kind is het vereenigingspunt dat hen |
| aan elkander verbindt, en dat voor hen |
1 in verschillende mate de oorzaak is =
I geweest van uitstekende genaden. |
i Hunne harten zijn voortaan naar het \
| zijne gericht, om er zich geheel mede |
I te vereenzelvigen ; en het is op ditzelfde 1
1 aanbiddelijk Hart, dat zij beiden de |
I onuitsprekelijkste voorrechten uitoefe- 1
| nen. 1
I Jozef en Maria zullen terzelfder tijd |
I aan Jezus den naam van Zoon geven, |
1 en Jezus zal daarop antwoorden ; zij |
| zullen gebieden, en Jezus zal hun on- |
i derdanig zijn ; zij zullen te Nazareth |
| leven, en Jezus zal met hen leven ; |
| Jezus zal spreken, en zij zullen te za- |
| men paar Hem luisteren ; zijn Hart |
^iiiiiMimmiiiiiiiMiiimimmmmmmmtMimmiimmiimiiimiimiimimmiiiiiiii
1 176 1
! I tji M1111111111111111M111111111111M11111 M 1111111111111111M M11111111111M1111M 1111M111111 Ml 11111
1 zal eene overvloedige en verborgen 1
I bron zijn, waaruit zij, gedurende der- |
i tig jaren, stroomen van genade zullen 1
| kunnen putten om hunne heiligheid |
| te vermeerderen, en hunne vereeniging I
1 inniger te maken in liet Hart van het 1
| vleeschgeworden Woord. 1
I H- f
| VEREENIGING VAN MARIA EN JOZEF IN DE =
| NAVOLGING DER DEUGDEN VAN HET H. HART. f
| Voortdurend begunstigd door het 1
| schouwspel der verheven deugden van f | Jezus' Hart, verleenen Maria en Jozef 1
| elkander eene onderlinge hulp om te =
i zamen van die deugden hot volmaaktste 1
| evenbeeld te worden. Zijne zuiverheid |
1 des harten, zijn geest van gebed en 1
| opoffering, zijne vereeniging mot God, i
| zijn verborgen leven, deden in hen |
| gelijke deugden ontstaan. De liefde 1
| van dit Goddelijk Hart was bovenal de |
| liefde waarmede zij elkander bemin- ï
| den. Baar de vrouw, volgens het |
| woord van den PI. Geest, haar man 1
| moet beminnen gelijk de Kerk Jesus l
iiin :uiiriiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiMiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiim:iii'rmiiii
1 177 12 1
«iiiiiiTiiiiiiiitiiiiiitiiiiiiiniiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiy
1 Christus bemint, zag Maria, die beter |
| dan iemand de gansche Kerk voorstelt, 1
1 in Jozef, haar echtgenoot, onzen Heer |
| zelf. 1
1 Daar de man, op zijne beurt, zijne |
| vrome moet beminnen (jelijk Jezus \
§ Christus zijne Kerk bemint, bediende |
1 Jozef zich van de liefde zelve van het 1
| Hart van Jezus, om Maria lief te heb- i
1 ben ; en de vereeniging dezer twee jj
| heilige echtelingen putte hare grootste |
1 kracht in het Heilig Hart. Zonder |
| twijfel heeft Maria, hooger in waar- |
1 digheid verheven, treffender trekken |
| van gelijkenis met het Hart van haren |
1 aanbiddelijken Zoon bezeten, maar na |
| haar en met haar kan niemand beter |
1 dan Jozef ons worden voorgesteld, als |
1 de levende gelijkenis van het Hart §
i van Jezus. |
f III. |
1 TOEPASSING. |
| Indien Maria en Jozef hierbeneden | | reeds zoo innig in het H. Hart ver- | | eenigd zijn geweest, zij zijn het nog |
178 1
iiiiiiiiiimiiimiimmmmmiimmiimiiiMiiMMiiiimMmmiiiiiMiiMiimMiiiimimiii
I nauwer in de glorie; is het daarom niet |
| billijk ons met hen te vereenigen, ten- 1
| einde aan het Heilig Hart de eerbe- i
| wijzingen te brengen, die Het van ons 1
| verwacht ? Maria heeft er in onze |
| eeuw behagen in gevonden zich te 1
| doen vereeren onder den glorierijken |
| titel van Onze Lieve Vrouw van het 1
| Heilig Hart ; en de H. Jozef, Vriend 1
I van het Heilig Hart, is het voorbeeld 1
i en de patroon geworden van al de i
| vrienden van Jezus' Hart; de Geluk- 1
| zalige Margareta Maria zal ons nog |
i als voorbeeld dienen om déze drie | | heilzame devotie's te vereeuigen.
= «//; zal u zeggen,» schreef zij, |
| sprekende van de eerste bidplaats in 1
i haar klooster voor het Hart van Jezus |
| opgericht. « dat xcij eene tweede af- 1
I beelding van het Heilig Hart hebben, |
| icaarop van onderen, aan de eene i
= zijde de II. Maagd, en aan de andere |
| zijde de H. Jozef geplaatst zijn.)) (1) 1
1 Ziehier een uittreksel der beschrij- |
| ving van dit kostbaar schilderstuk, I
= (1) Geluhz. Margareta, Parsj', I. 257. |
IMIIIlIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIMIIMtlllllllllllllllllllllllllllllllllMIIIMIIIIIIIIIIIIIIIIIIIiTlllllll
1 179 1
I
JiiiiiTiimmmiuiiiiiiMMiiiiMiiiiMiiiiiiiiiiitnttitiiiiiiMiiiniiiiiiiiiiMiiiiiiitiiiiiiiiniMi
I dat thans nog in het klooster van |
I Paray bewaard wordt : De eeuwige ï
i Vader door engelen omgeven, is op |
| de wolken gezeten : Hij ontrolt een 1
ï vaandel waarop deze woorden staan |
l geschreven : Dit is het Hart van mijn J
| icelbemindm Zoon... Lager, ter rech- |
| ter zijde, bevindt zich de H. Maagd, 1
| en wijst met de hand en het oog |
l op het Heilig Hart, zeggende: i
| « Bemint Het, Het sal u beminnen, n |
i De H. Jozef houdt in de eene hand i
| zijne lelie en met de andere toont hij |
1 het allerzoetste Hart aan, zeggende : |
| « Komt, het is voor allen open. n (1) | 1 Scheiden wij hen in onze liefde 1
| nimmer van elkander, die door het |
1 Hart van Jezus zoowel vereenigd zijn. |
1 Zien wij niet reeds in deze voorstelling |
i eene schets van Onze LieveVrouw van |
1 het Heilig Hart en van den H. Jozef, |
1 Vriend van het Heilig Hart gt;
| Voornemen. Onze toevlucht nemen i
1 tot den H. Jozef, Vriend van het |
1 Heilig Hart, om het Heilig Hart i
1 (1) Geluhz. Marg, Paray, I, 257.
111111111111111111 miimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiir
1 iso i
â1.....
iiimmmiiiiiiiimiimiiiimiiiiiiiiiimiiimiiimimiiiiiiiimniminiimi
van Jezus, gelijk hij te beminnen.
Schietgebed. On/.e Lieve Vrouw van het Heilig Hart, die ons Jozef, uwen maagdelijken Bruidegom,voorstelt als het voorbeeld der vrienden van het Hart van Jezus, bid voor ons
GESCHIEDENIS.
Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart in Mad ure'. (Engelsch-Indië.)
Zie hier wat een Eerw. Pater Missionaris uit Maduré schreef, eenigen tijd na de oprichting van een heiligdom voor Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart.
Een man van vijf en dertig tot acht en dertig jaren, beroemd door zijne wetenschap, was de naaste gebuur onzer kerk, toegewijd aan On^c Lieve Vrouw van het Heilig Hart.
Door niemand in heel de stad Satancou-lam werd hij in dweepzucht overtroffen. Velen zijner nabestaanden waren gedoopt; hij was hun vervolger geworden. De heidenen zeiven vonden overdrijving in de buitensporige eerbewijzen die hij zijnen afgoden bracht.
Een enkele maal had hij er in toegestemd bij mij te komen, doch hij week geen haar breed van zijne ongerijmde denkbeelden af.
imiijiiiiimiiiuiiiiiiiniiiiiiiininiiiUJiiiilliiiiiinHiiimiiiiiimiiiiiillll 181
â 1111111111111111111111111111111111111111 ii 111111111111111 in 1111 mi ii ii I mi I in ii 11
Het gebeurde nu dat hij ziek werd en om zijne genezing te verkrijgen, werden alle â waarzeggers geraadpleegd, en aan alle duivels een gedeelte zijner fortuin opgeofferd : de ziekte nam echter in hevigheid toe.
Mijn geloofsonderwijzer, die een goed geneesheer was, behandelde hem eenigedagen; eene stellige beterschap openbaarde zich, de zieke kon uitgaan.
Wat deed de ongelukkige? Hij begaf zich naar Trichendour om eene belofte aan den god Supramamou, die men daar aanbidt, te volbrengen. Hij kwam er stervende vandaan, en van toen af was zijn toestand hopeloos.
Ik had hem meermalen gezien, maar steeds was het onmogelijk hem van godsdienst te spreken. Omstreeks denzelfden tijd, deed ik in onze kerk een groot en fraai beeld van O. L. V. van het Heilig Hart van Jezus plaatsen. Christenen en heidenen kwamen het zien, en ik zeide hun: « Ziedaar het beeld van haar die al de heidenen zal bekeeren. »
Een christen antwoordde;« Dat zij zich dan gewaardige hem te bekeeren. » Hiermede werd onze zieke bedoeld.
« Zij zal hem bekeeren, hernam ik, indien wij slechts bidden. »
« Wel, riep de christen, wij hebben gebeden, hij is even razend als ooit ...»
Den 28 Augustus i860, ging ik hem, nadat ik 15 dagen was afwezig geweest, bezoeken; hij beklaagde zich dat ik in zoo'n
IIIIINIIIII
n -
iiiiiiinniiiiiiinimiiiinniiiiiiiimnMiiiiiiiiiiiimimiiiiimmiimiii
182
tiimjiimimimmiiiiimitmiiiiimmmimiiimimtmiiimimiiiiiiimiiimiimmiitiri
I langen tijd niet gekomen was. Dit versterkte |
= mij om hem, met betrekking tot zijne ziel, =
i eenige woorden toe te spreken, die niet i
E kwalijk werden opgenomen. =
= Den volgenden dag bad ik voor hem in |
| de H. Mis en in mijne andere dagelijksche |
= oefeningen, en noodigde ook andere perso- =
| nen uit dit te doen. |
E En zie, des avonds, toen ik mijne getijden E
E had gelezen, die ik voor hem aan het Hart =
| van Jezus had opgedragen, liet de zieke |
E mij zeggen, dat hij het doopsel wilde ont- E
| vangen. Ik spoedde mij derwaarts; het was |
E niet nood ig hem te onderrichten .. . hij vroeg E
| openlijk vergiffenis voor alles wat hij tegen E
E den godsdienst had gezegd en gedaan, en i
E voor zi'jn lang dralen om christen te worden. E
| Hij voegde er nog bij: « Heden word ik =
E geboren. Pater, ik vertrouw mijne dochter |
à aan uwe zorgen toe, voed haar in uwen E
E godsdienst op. » Hij zeide aan zijne familie, |
| haar te laten doopen, en zelf ook ter kerk E
| te gaan. . . Hij stierf den 10 September .in |
E de schoonste gevoelens van geloof, onder- |
i werping en godsvrucht. §
E Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart |
= heeft alzoo haar naasten ge buur. hoe woe- E
| dend hij ook was, niet willen laten verloren |
E ffaan. =
'EIIIIIIIII llll 1111II111II111111111M Ml II111111 M111111111111111111111111 Uil III1111111111 Kllllllinillllt
ï 183 1
iliimiMliiiimMiniimMmiMMMmiiMMNimimiiimimMiniiiiiimmiiitiitilinniimil» 1 i
W = 'M 5 W 5
#s =
Ã
i M.
TWINTIGSTE DAG, |
Onze Lieve quot;Vrouw van het H. Hart, | middelares bij het Hart |
van Jezus. |
Doet al wat Hij u zeggen zal. = (Joax. II. 5.) =
ï. \
ONZE LIEVE VROUW VAN HET HEILIG HART, = ONZE MIDDELARES HIJ HET HART VAN JEZUS. |
EN vierde bruiloft te Cana 1
in Galilea, zegt het Evange- |
lie van den H. Joannes, en \
| de Moeder van Jezus bevond zich |
1 daar. Ook Jezus en zijne leerlingen |
| waren genoodir/d. |
1 Op eens ziet Maria's zorgzame blik |
| dat er -wijn gaat ontbreken ; zij deelt |
i het aanstonds aan haar Goddelijken |
iiiiiii}.iiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiii
1 184 1
iiiiiiniiiiiiiiimiiimiiiiiiiiiiimiiiiimiiiiiiiiiimimiiiiimmiiiiiiimimmiiiiiiiiTiiiiii'
I Zoonmedo; «Zij hehben geen wijn,» |
1 zegt zij. ï
| Deze woorden, merkt de H. Bernar- |
i dinus van Senen aan, zijn een treffend 1
| bewijs van de groote goedheid van i
1 Maria, die, uit liefde voor den naaste, 1
| zelve deze vraag tot Jezus richt; daar- |
1 door toont zij, dat zij altijd voor onze |
| behoeften zorg draagt. Zij kent ove- |
| rigens den goeden wil haars Zoons, 1
i die haar niets weigert. |
i Zij hehhen geenen toijn: het was als- 1
| of zij tot Jezus zei de: «Heb medelijden |
| met deze arme echtgenooten : wat mij 1
| betreft, indien ik gelijk Gij de macht |
| had hun datgene te schenken, wat hun 1
| ontbreekt, ik zou het doen van gan- |
i scher harte.» |
| Zij vraagt Hem een wezenlijk won- |
i der, hoewel zij zeer goed weet, dat 1'
| Jezus er nog niet één heeft gewrocht, |
1 en dat zelfs het oogenblik, in de raads- |
| besluiten van God den Vader vastge- |
1 steld, om de macht van zijn Zoon te |
| toonen, nog niet gekomen is. En toch i
| verkrijgt zij het gevraagde wonder. |
| Ziedaar hoever het vertrouwen en f
iiiiiiiiiiii 11111111 ii 1111111 hui 11111111111 ii ii 11 in 111111111 iiiii 111111 mi 11111111 in 111111 iiiiiliuip
1 185 f
KiiiimiimiiiiiiiiimiiiimiiimimiiiiimmiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiMimiiiiiiiiiiiimiiiiiiiir
I de macht van Maria, onze middelares |
1 bij Jezus, gaan kunnen : «De macht 1
1 der liefde, die zij op zijn Hart uit- |
1 oefent, heschikt naar welgevallen over 1
| zijn Goddelijk Alvermogen,ten gunste |
i der menschen. i
1 IL i
| ONZE LIEVE VROUW VAN HET H. HART, |
| MIDDELARES =
= VAN HET HART VAN JEZUS BIJ ONS. |
| Maria heeft kunnen lezen in de ver- |
1 borg-enste diepte van het Hart haars |
| Zoons, en vol vreugde met de zeker- |
I lieid eenor ziel die verhoord is, keert |
| zij tot de dienaren terug en zegt hun : |
i uDoet alles wat Hij u zeggen zal.» |
1 Schijnt zij niet, door deze woorden, |
f hun reeds vooraf den goeden uitslag |
| hunner gehoorzaamheid te verzekeren ? |
1 Schijnt zij niet tot allen te zeggen : |
| « Zijt niet bekommerd, ik heb mij tot |
i het minnend Hart mij ns Zoons gewend; |
1 ik heb Hem doen zien wat u ontbrak; |
i Hij zal niet toeven om de schatkamer |
| zijner macht en liefde voor u te ont- |
tfiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiTiiiiif iiijiiiiiii
1 186 1
iiimmiiiimmiiiinuiiimiiiiJjjjiiiijnimjjimjMiiiJiimmiijmimiiimmimiiimiim»
1 sluiten. Maar «doet v:at Hij u zeg- |
| gen zal.» En zij deden het. Er waren 1
1 daar zes steenen kruiken, houdende |
| ieder twee of drie maten. Jezus zegde 1
= tot hen; « Vult de kruiken met water;)) i
| en zij vulden ze tot boven toe. Usque \
\ ad summum «Schenkt nu en brengt |
| het aan den hofmeester.)) ^Enzr\hva.c\\- \
| ten het hem. Maar toen deze het water, |
| dat in wijn veranderd was, had ge- 1
i proefd, niet wetende van waar die wijn i
1 gekomen was, riep hij den bruidegom 1
| en zeide hem : j Eenieder zet eerst |
| den goeden wijn voor, en vervolgens 1
| den minderen ; maar gij hebt den |
| besten wijn tot nu toe bewaard.» Dit |
| was, zoo besluit de Evangelist, het |
| eerste der loonderen van Jezus. 1
| Op het verzoek van Maria werd |
| dit wonder verkregen, maar het is na 1
| de getrouwheid der dienaren om in i
| alles stipt de aanwijzingen van Maria 1
| te volgen, dat het wonder geiorocht |
| werd. Deze machtige middelares, die 1
| onze behoeften aan het Hart van Jezus |
| bekend maakt, zal ons ook steeds den |
| wil van Jezus' Hart openbaren. Doet |
iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiMiiiiii
1 187
iimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiriiiiii
I alles wat Hij u zeggen zal. zegt zij |
| ook tot ons, gelijk tot de dienaren. |
i ni. 1
| TOEPASSING.
1 Indien Onze Lieve Vrouw van het 1
| Pleilig Hart onze tijdelijke behoeften |
1 ter harte gaan, vergeet zij ook geens- 1
i zins die onzer ziel. Meermalen heeft |
= zij, van ons sprekende, gezegd : «Zij |
| bezitten geen ijver ; het ontbreekt hun |
1 aan Geloof, zij leven zonder de liefde 1
| van God____» Jezus' Hart heeft deze |
1 bede beantwoord, door Maria al de ge- |
| naden in handen te geven die ons nood- |
1 zakelijk waren ; de goede gedachten, |
| â de gunstige gelegenheden, de voor- |
| beelden en de middelen zijn ons toen |
| geworden, om de deugd, waaraan wij |
= behoeften hadden, te verkrijgen ; maar 1
= dit alleen is niet voldoende, wij moeten |
i ook getrouw zijn in alles te doen wat |
= Hij ons zegt ; want de genade is niets |
§ anders dan het Hart van Jezus dat tot |
i onze ziel spreekt En in ons gebrek |
| aan getrouwheid moet men de verkla- |
:iiiiiiTiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiimiiiiiTiiii
188 f
iiiiinittmmiiiminimitmimmiiiMimimiimimiiimmmiimiiimiimmiiimmiiim
I ring vinden onzergeestelijke armoede. 1
1 Eens hoorde de Gelukzalige Marga- ï
| reta Maria dat Onze Lieve Vrouw bij 1
1 Jezus de zaak van eenige schuldige |
| zielen, aldus bepleitte : (.(.Richt op mij |
1 moe verbolgenheid, dït zijn dc hinde- |
| ren van mijn Hart ; ik sal hun een 1
1 mantel van bescherming loezen.» |
| Alstoen verhelderde het aanschijn i
| van den Goddelijkon Verlosser en Hij |
= zeide ; «Mijne Moeder, gij bezit alle f '
1 macht om aan hen mijne genaden \
| naar im icelgevallen uit te deelen.n \
1 Een ander maal, zoo gaat de Geluk- |
| zalige voort, toen men het Salve Re- 1
ï gina zong, en aan de woorden : Ad- |
| vocata nostra (onze voorspreekster) =
1 gekomen was, antwoordde de Aller- |
| heiligste Maagd: v Ja, mijne dochters, \
\ ik ben dat inderdaad ; maar ik zou |
i het met nog meer genoegen zijn, in- |
= dien gij getrouw viildet zijn aan mijn |
| Zoon....)) (1) 1
1 Laat deze woorden van 0. L. Vr. |
1 van liet H. Hart, voor ons het voor- 1
| (1) Geluhz. Marg., Paray, II, 266-268. |
lllllllliiiiiiiiijiuniiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiniiiiii
i 189 =
jiuiiuiiiiiiiiuiiiiiiimiiiiiiiiiimiiiiiiiiiimiiiiiiiiijiiiiiiiiiiiiiimiiiimmmiiiiiimiiii
I werp zijn eener ernstige overweging. |
| Oefening. Gedurende eenige oogen- =
i blikken onderzoeken, hoedanig het =
| gesteld is met onze getrouwheid aan ï
1 de genade onzer roeping, en aan de [
| verschillende genaden die ieder oogen- i
| blik te onzer beschikking worden ge- \
| steld. i
1 Schietgebed. Onze Lieve Vrouw van \
| het Heilig Hart, onze middelares bij !
1 het Hart van Jezus, bid voor ons. l
| GESCHIEDENIS. [
| Onse Lieve Vrome van het Heilig Hart \
i op den Libanon. =
= Een priester van den Libanon verlangde |
= vurig een beeld van Onze Lieve Vrouw van i
= het H. Hartin zijne parochie te bezitten. =
à Eenige personen hebben door hunne aal- i
E moezen den aankoop van een groot, schoon =
= en rijk versierd beeld mogelijk gemaakt, i
à Het werd op het einde der maand Augustus i
à van Parijs verzonden met bestemming voor =
à Beyrouth. De maronitische pastoor drukt =
| zijne dankbaarheid uit door den volgenden Ã
à brief, dien wij zijn oostersch karakter laten :
| behouden: :
niiiiiruiiiiiimiiiitiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiimiiiiiiiiiiitiuiiimiiiiimiiiiriiiii
\ 190 Ã
iiiiiiiTiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiniiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiTiiui»
= Kfour El Fetouh, op den Libanon, =
| 12 November 1871. |
I «Na uwe vingertoppen gekust te hebben, =
= doen wij u weten dat den 5 dezer, ons dorp |
i Kfour El Fetouh, vereerd is geworden met =
= de tegenwoordigheid van het beeld der i
= Maagd Maria (aan wie alle heiligheid), en =
I van haar Zoon Jezus, den Almachtige. Wij =
= schrijven aan uw Vaderschap de groote i
i vreugde en de blijdschap, die de inwoners =
= van het dorp omgeven hebben toen wij op i
= gezegden dag in gezelschap van eene talrijke =
E menigte naar Ghazir gegaan zijn, en aan =
= het Klooster der EE. PP. Jezuïeten het beeld |
i hebben afgehaald met al de godsvrucht, §
vreugde en vereering die men verschuldigd |
is aan de Maagd, heilige meesteresse van =
dat beeld. Wij zijn met haar in het dorp i
teruggekomen, en zij die ons vergezelden =
hebben, uit eerbied voor dit beeld der Maagd =
(wier zuiverheid volkomen is!) niet willen |
toelaten dat eenig muilezeldrijver het droeg; =
zij zeiven hebben het op hunne hoofden ge- i
dragen, met al de godsvrucht die men ver- =
schuldigd is aan een beeld van de Moeder =
Gods, en zij waren van de aanzienlijksten |
des dorps. Toen wij de helft van den weg =
hadden afgelegd, zie, toen kwam men van |
alle zijden aangeloopen om het beeld te |
vergezellen: door hunne godsvrucht ge- =
dreven bleven zij met diep gevoel het beeld |
volgen tot aan de kerk, die in gereedheid = llllllilliiinuin'inunMiMnfMiiunMimiiMiiiiiii'iiiiinMittiMiiniiiiMriniiMiniii'iiuiiiniiiiiii»
191 1
uiiiiiinnmiminimimnninilimuitMnnnnmiuiiiinitiinimimimimmniiiimiiiir
1 was gebracht om het te ontvangen. Deze |
i kerk was met eene talrijke menigte vervuld. |
| Daar hebben wij de kist geopend, en het |
| beeld gaaf en geheel ongeschonden be- =
i vonden (i). Wij hebben het op het altaar =
| geplaatst. Wij hebben er kaarsen voor ont- |
1 stoken, en de Leden der Congregaties van =
| de Onbevlekte Ontvangenis en van den |
| Goeden Dood hielden ook brandende kaarsen |
1 in hunne handen. Alsdan had de plechtige =
1 zegening met het Allerheiligste Sacrament =
i plaats, en vervolgens werd er een sermoon =
| gehouden over den eerbied aan de beelden |
| der Heiligen verschuldigd, in het bijzonder 5
| aan die van Onzen Heer Jezus en van de =
à Allerheiligste Maagd Maria. Daarna werden |
i aan allen die tegenwoordig waren gebeden r
1 voorgeschreven voor de nog in leven zijnde i
1 gevers van die kostbare beeltenis en een |
| ander gebed voor de rust der ziel van Pater |
1 Bel, die er zoo ijverig voor gewerkt had. |
| DemenigtekwamzonderonderbrekingOnze |
ï Lieve Vrouw van het Heilig Hart bezoeken, =
| van vier uur in den namiddag tot acht uur |
| des avonds. De offeranden, beden en wen- 3
= schen der geloovigen werden haar aange- |
1 boden, en tot op dit oogenblik ontvangt de H
| kerk nog voortdurend bezoekers uit de na- 1
= bijgelegen dorpen. Wij hebben aan de Leden i
| der beide Congregaties gebeden voorge- =
E (i) Het is u bekend dat op het oogenblik der ont- = = scheping de kist in de zee is gevallen, en men ze 3 E slechts met veel moeite er weer uit heeft kunnen halen. =
«iiiiiTiiiiimiininiiimiimiMniiiiiiniMimiiintiimmmimiiiniiiMiiiimmiiiiiitiiiii
I 192 j
llliiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimitïimin
I schreven gedurende een geheele week, voor i
I al degenen die hunne zorgen en hunne |
| aalmoezen voor dit beeld besteed hebben. 1
= De tegenwoordigheid van dit beeld en de i
| talrijke gunsten, door de tusschenkorast van |
= Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart ver- =
| kregen, hebben bij het geloovige volk ge- i
5 voelens van geloof voortgebracht, welke =
§ beschouwd worden als het uitwerksel van i
= debijzonderebeschermingder Maagd Maria. |
= Wij bidden haar dan dat zij u voor ons =
| beloone met de eeuwig-e zaligheid. Wat mij i
= betreft, ik zal u altijd voor uwe weldaden §
= dankbaar zijn, en ik heb het vaste ver- i
i trouwen dat gij mij,uw kind,in uw gebeden |
= indachtig zult wezen. â Ik hoop nooit door =
| uwe welwillendheid vergeten te worden, i
| en ik hernieuwden kus uwer vingertoppen. |
§ Dat uwe rechtvaardigheid dure. » =
| Dezelfde Priester onderhield ons, eenigen i
| tijd later, nogmaals over verschillende gun- |
| sten, door de tusschenkomst van Onze Lieve i
| Vrouw van het Heilig Hart verkregen, en =
1 voegde er toen bij: |
| « Behalve de vermeerdering en nog dage- i
§ lijksche aangroeiing der godvruchtigheid, =
| vindt men hier eene vereeniging van innig i
1 godsdienstige zielen, wier leven hier op |
| aarde waarlijk bewonderenswaardig is. En =
1 om kort te zijn, zeg ik alleen, dat er zich |
= onder hen bevinden die in de 24 uren slechts =
I eenen maaltijd nemen; andere deelen over- i
= vloedige aalmoezen uit; andere oefenen ge- =
I heime verstervingen met alles wat het li- i
193 13 1
iiiiiiiniMiiiiiliinniiiiiiininuniiiimniimimiiimnmiiimiinnniiiiiiinnimumiiu
i chaam afmat en onder bedwang brengt, als |
| het vasten, de vernederingen, het geduld =
| en dergelijke zaken. Zij munten vooral uit i
ë door hunne stiptheid in elke week te komen |
| biechten en om de drie dagen tot de Heilige =
1 Tafel te naderen. |
| « Men merkte vooral de gelukkige vruch- |
= ten op der retraite van dit jaar, en men =
i schreef dien goeden uitslag toe aan de =
| tegenwoordigheid van het beeld van Onze =
1 Lieve Vrouw van het Heilig Hart, alsmede =
| aan de ijverige zorgen van een der Paters =
= die deze retraite aan de Congreganisten en |
1 aan al de geloovigen van het dorp gegeven 1
| heeft. Degene die met de leiding der retraite |
i belast was, was ons gezonden door den =
§ volijverigen Rector van het College der Je- |
| zuieten te Ghazir (groot om den eerbied). =
= « Er zijn nog andere dergelijke feiten aan i
i te halen; wij onthouden er ons van om |
= niet te lang te worden. i |
| De Pastoor BorrRos Aiu-Saab. z
| Kfour El Fetouh, op den Libanon, =
| 10 April 1S72. I
JiuiiLiiniiMiinmiMimiiMimimiMMiimiimmiiiMimMmimMiimiimimmiminiiitii
1 194
1 EEN EN TWINTIGSTE DAG. i
| Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, 1
= Herstelster der beleedigingen |
i die het Hart van Jezus in het H. |
= Sacrament des Altaars worden |
= aangedaan. |
E De smaadheden van hen die U E
E smaden, zijn op mij gevallen. E
E (Ps. LXVIII. io.) |
i i. |
| HET HART VAN JEZUS IN HET HEILIG ALTAAR- 1
i SACRAMENT BEHOORT STEEDS MARIA TOE. §
Altaars uitgedacht
E Zaligmaker, die ons bemind heeft ten einde toe, heeft het aanbiddelijk Sacrament des Hij kan voortaan in onze kerken bij ons blijven door zijne werkelijke tegenwoordigheid, in onze harten zijn vèrblijf bestendigen door de H. Communie, en zonder
inniiimmimiiiiiimimmmiiimiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiimiiiiMmiiimiiiimiiiiiiTniiiii'
à 195 ï
uiiiiiriiiimmiMmmmiimiinimimiiiimmimmmiiimiMimmmimiiiimiiirimiii
1 ophouden op onze altaren de offerande |
| van zijn H. Lichaam en Bloed her- i
1 nieuwen in de H. Mis Het H. Evan- 1
| gelie zwijgt op de geheimzinnigste |
1 wijze over het aandeel van Maria in i
1 dit geheim ; maar volgens hetgeen de |
i overlevering en de Kerkvaders ons |
| leeren, mogen wij gelooven dat .lezus |
i Christus zich dikwijls in de H. Com- |
i munie aan Maria mededeelde, gedu- |
ï rende de lange jaren welke zij nog ï
| hierbeneden doorbracht. |
1 Stellen wij ons voor hoe het vleesch- 1
| geworden Woord den maagdelijken |
1 schoot, die Hem eens droeg, wederom i
| binnengaat ! Met welk eene liefde |
| neemt Hij wederom bezit van zijn eers- |
| ten tabernakel. Mot welkerijkdommen | j
i zal Hij het niet overladen !..... Zijn i |
| Goddelijk Hart plaatst zich op dat |
I zijner moeder en geeft hetzelve onbe- |
| twistbare rechten op dit Sacrament |
1 van liefde. Is de H. Eucharistie niet |
| het waarachtige Lichaam en Bloed |
| van Jezus, Maria's Zoon ?... In den |
| Tabernakel, aan de H. Tafel, op het |
| Altaar verhoort het H. Hart de alver- |
uiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiinliiii 196 1
iiniiiin I ni I it 11 mi 1111 in ii 11111 li nu 1111 ui ii ii 11 n I ii 11 n 111 n 111111111111 ii 11111111 it u 111 ij i mi I
1 mogende gebeden der Maagd, en het 1 | is door haar dat zijne genaden over |
f ons nederdalen. 1
I II. |
1 ONZE LIEVE VROUW VAN HET II. HART, |
ï HERSTELSTER DER BELEEDIGINGEN DIE HET 1
= HART VAN JEZUS IN HET H. SACRAMENT =
| DES ALTAARS WORDEN AANGEDAAN. i
| Zoolang Maria op aarde was, heeft |
i zij zelve steeds de zending van eerher- i
| stelster vervuld, ook nu nog oefent zij |
1 die uit door middel van hare kinderen. 1
| Op aarde brachten de zoo vurige |
i communiën van Maria met de kost- 1
| baarste vertroostingen, ookonuitspre- |
i kelijke droefheden aan. 1
| Zij had gezien, en zag nog rondom |
| haar, talrijke zielen met koudheid en |
| onverschilligheid dat levend Brood, |
i van den Hemel neergedaald, ontvan- 1
1 een' . 1
| Zij had Judas gekend en zij wist |
| dat de heiligschennende apostel na- |
| volgers heeft in al degenen die, door |
1 onwaardige communiën, hun eigen |
| oordeel eten en drinken. |
1111 III IIIM Mill! 1111! IIMIII111II111 III Ml 11II1111111IIII1111II III IIII III lllljflllir
197 1
(lUimiMiiiiiiimiiiiiiimiiiMmiiiiiiMiiiimmmMmtimmiiiimiiiMMMimiMmmmiii
I Die gedachte was voor 0. L. Vrouw | I van het H. Hart een zwaard, dat hare | I ziel doorboorde. Zij verdubbelde hare 1 | liefde om door hare gevoelens van ge- | | loof, van lof, van aanbidding en dank- 1 | zegging, de ondankbaarheden te ver- | 1 goeden, waarmede het Hart van Jezus | | in dit Goddelijk Sacrament wordt be- 1 1 jegend. |
| Van uit den Hemel, waar zij thans = 1 regeert, ziet O. L- Vrouw van het H. 1 | Hart de vergetelheid, de verachting, 1 I de oneerbiedigheden en onteeringen, | | waaraan hetH. Sacrament des altaars, 1 | tegenwoordig meer dan ooit, overal is | | blootgesteld. Dat gezicht doet haar I | verlangen, dat al hare kinderen, het | | leven dat zij op aarde geleid heeft, na- = 1 volgende, gelijk zij, door veelvuldige | | en vurige communiën herstellen, èn | i de verzuimde communiën der minder 1 | ijverige christenen, èn de heiligschen- | i nende communiën der goddeloozen. i | Het zijn die communiën van eer- | | herstel waarvan O. L. Vrouw ons het i | voorbeeld heeft gegeven, en die zij | | van ieder onzer verwacht. 1
«inimiimniiiimmiii in imn min iiimiii in minimi mill mmiiimiiiimiimiiiifiiiiii
1 198
iiiiimiiimMmimiiimtmimmmimmmmimiimmiimiimimiiMiiimiiiiimmiiiif
f in. f
1 TOEPASSING. |
| Laten wij met de hulp van O. L. |
| Vrouw van het H. Hart, telkens de |
1 H. Communie met zooveel godsvrucht |
I en liefde ontvangen, dat wij die tot |
| eerherstel aan Jezus' H. Hart kunnen |
1 aanbieden. I)ie Goddelijke Meester |
1 heeft zijn verlangen, om deze oefening |
1 algemeen verspreid te zien, duidelijk =
| te kennen gegeven. |
i «Eens, op een Vrijdag, verhaalt de |
| Gelukzalige Margareta Maria, nadat |
ï ik gecommuniceerd had met eene H. i
| Hostie, die ter aanbidding was uitge- |
I steld geweest, sprak onze Heer tot i
| mij : «Mijne dochter, Ik hom in het |
i hart dat ik u geschonken heb, opdat |
i gij door deszelfs vurigheid het onge- \
| lijk moogt herstellen, dat mij wordt \
i aangedaan door de lauwe en trage |
| harten, die mij in het H. Sacrament |
i onteer en.)) |
1 Zelfs de begeerte naar de H. Com- |
| munie, als wij niet werkelijk kunnen |
(iiiiiTiiiiimmiiiiiiiiiiimiiiiniiiiiiiiiiimiiiiniiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiii
I 199 1
IIIIIIIJIIIIIIMIIttllttlMIIIintllMttnitlllllllllllMMMIIIItllllllllllllllltlMIIMIIIMIIIIimillin
I communiceeren, laat die goede Meester | 1 niet onbeloond. |
| « Op een Goeden Vrijdag, zoo ver- | 1 haalt wederom de Gelukzalige, gevoel- = | de ik eene vurige begeerte om Onzen | 1 Lieven Heer te ontvangen, en ik zeide 1 | Hem onder vele tranen, deze woorden: | | «Beminnelijke Jezus, ik wil door 1 | mijne begeerte naar U verteerd tear- | 1 den, en daar ik U vandaag niet kan be- 1 | zitten, zal ik niet ophouden naar U te i | verlangen. Hij kwam mij met zijne i | zoete tegenwoordigheid vertroosten en | i sprak : «Mijne dochter, mee begeerte 1 f is zoo diep in mijn Hart doorgedron- 1 1 gen, dat, indien Ik dit Sacrament van i | liefde niet had ingesteld, Ik het nu | | zou doen, om Mij aan u tot spijs te | | geven. Ik schep zulk een behagen in 1 1 het verlangen naar Mij, dat, zoo me- | | nigmaal een hart dat verlangen in 1 1 zich opwekt. Ik het met liefdevollen | | blik aanzie, om het tot Mij te trekken.» f i Vragen wij aan O.L.Vr.van hetH. | | Hart, dat zij ons leere in een geest 1 1 van liefde en eereboetenaar Jezus te | | verzuchtenenHeminonsteontvangen. \
ui mi mi i
iiiiirniiiiiiiiiiiiiiiin ui ii iiiiii ii 11111111111111111111111111111111111111111111111111111111
200
iiiiiiimiiiimimmmiMmmmtntriMimMiMimimmiiimiminmimiiMMMMiiiimiiin
I Oefening. Onze Communiën met de |
| meest mogelijke vurigheid verrich- 1
| ten, en ons waardig maken dikwijls 1
| tot de H. Tafel te naderen. |
| Schietc/ehed. 0. L. Vrouw van het |
1 H. Hart, herstelster der beleedigingen 1
| het Hart van Jez.us aangedaan, bid |
1 voor ons. 1
| GESCHIEDENIS. |
= Onze Lieve Vrome van het Heilig Hart |
| te Jeruzalem, Bethlehem en NazarethZj |
| Laten wij ten minste eenige woorden i
i overnemen uit de brieven, welke die dui- =
i zendmaal gezegende plaatsen, waar deH. Ã
E Familie leefde, naar Issoudun gezonden |
| hebben om hunne liefde jegens Onze Lieve =
| Vrouw van het Heilig Hart te betuigen. i
| Het is te Jeruzalem, op de puinhoopen i
| van het Gerechtshof, waar Pilatus onzen =
= Heer aan het volk vertoonde, zeggende: |
| Ziet den Mensen; het is op die plaats, die =
| getuige was van de doornenkroning, de 1
1 geeseling en de ter dood veroordeeling van |
| onzen Goddelijken Zaligmaker, dat een jood, =
= wonderdadiglijk door de Allerh. Maagd be- |
| keerd, de Eerw. Pater Maria Alfonsus = .........................................................................
i 20i i
imiiniimiiiimmmiiimimmmMmmiMMiimiiimimiiiiiiiimiimimmimmmiitii'
1 Ratisbonne, een beeld vanOnze LieveVrouw =
i van het Heilig Hart geplaatst heeft. Ziehier i
| hetgeen hij zelf ons schreef: :
= Jeruzalem, 10 Juni 1868. i
I « Het beeld van O. L. Vrouw van het =
= Heilig Hart is gisteren aangekomen. Nooit |
I hebben wij een dergelijkvoorwerp in beteren E
= staat ontvangen: geen zweem van 't minste i
1 letsel. Wat te zeggen van het beeld zelf? |
= Het is quot;allerliefst. Het maakt een levendigen |
à indruk, want het spreekt slechts van barm- =
I hartigheid en liefde. Reeds heeft het zijne |
= plaats gevonden in eene fraaie nis, welke |
i er uitsluitend voor gemaakt schijnt. Het |
I beeld bevindt zich op de meest zichtbare =
i en meest bekochte plaats van het klooster =
I Ecce Homo, zoodat ook het volk er genot |
= van heeft. =
I Gisteravond zag men vuurwerk, bloemen i
= en allerlei vreugdeteekenen rondom ons |
= vreedzaam klooster. =
= M. A. Ratisbonne, |
I Priester van Sion. » (1) =
i De brief die ons toekwam uit de om- i
I streken van Bethlehem, was niet minder |
i stichtend; =
= (i) Annalen van Issoudun, September 1868. =
â¢(iMMimiiiimimimmiiiimimmiiMiimMmiimiiimiinitiiimmiiiimiiimmimimiij
1 202 . 1
Betsahour (Herdersdorp), nabij Bethlehem, 14 Dec. 1872.
c( Zegt aan O. L. Vrouw van het H. Hart in uwe gebeden, wanneer gij rond haren troon vergaderd zijt, dat zij toch ook in haar land doe hetgeen zij zoo ruimschoots in alle landen der wereld doet.
clt; Bidt haar dat zij ons ware leerlingen doe worden van Hem die hier in onze nabijheid in eenen stal geboren is. Ik zou de bekeering willen verwerven van het geheele dorp ; het telt bij de duizend inwoners, van welke ongeveerde helft schismatiek, en de andere helft verdeeld is tusschen muzelmannen en katholieken. Het zal die goede Moeder weinig moeite kosten deze uitstekende genade van het Heilig Hart van haren Goddelijken Zoon te verkrijgen. Ik denk dat de H. Maagd niet zal weigeren goed te doen, zelfs aan hen wier voorouders haar zoo slecht ontvangen hebben.
Morétain, Apost. Missionaris. »
Tweehonderd jonge dochters uit Nazareth, hebben, bij het vernemen der tijding dat Maria onder een nieuwen titel vereerd werd, hare namen naar Issoudun gezonden, opdat zij zouden worden ingeschreven op de Broederschapslijst van O. L. Vrouw van het Heilig Hart, en er alzoo tusschen haar en
iii 11111 iii ii111111iim11111111111111111111111111111111111111111ii11111111111ii1111iillll
203
lliminiiiiniMiiilliiiiniiiiiniMiiiiiMiiiiiiniiiiiiiiMitiiiiiiiiiiiiiiiiiiijiiiiiiiiiiiiiiiniillr
i ons een onophouiielijke wisseling van ge- i
1 beden voor den troon van Maria zou plaats ï
| hebben. i
i Wij hebben dus ook in die plaatsen, welke 1
| de heiligste zijn op aarde, leden en deelge- |
= nooten, die met ons vereenigd zijn in de i
§ liefde van Onze Lieve Vrouw van het Heilig i
= Hart. 1
itililujiniiimnniiimiimimilliMuiNMiiMiimiiMMmmiijiimjimmiiiiiiitmniiuiiir
1 204 I
I TWEEEN TW1NT1GSTEDAG I
| Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, =
| Troosteres van het Hart van Jezus. |
= Wanneer zult Gij mij vertroosten ? E
= (Ps. CXVIII. 82.) E
h
'
E HET HART VAN JEZUS IN DEN HOF J)ER E OLIJVEN.
RZUS gaat zich als slacbtofTer aanbieden. Het oogenblik,
__dat Hij zich zal slachtofferen
1 is gekomen ; de Hof der Olijven roept 1 Hem... Hij moet vertrekken .. De i nacht zal zijn sluier spreiden over de I overmaatzijner droefheid en die zijner | 1 liefde, en over de ongehoorde snood- 1 I beid, welke de menschen ten zijnen | 1 opzichte gaan bedrijven. i
iiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiip 1 205 1
IlllllMllll11IIMIII III 1111IIIIIIIIIllllIII 11!lll 11 llllllllIII! III11111 lllllll IIMI IIIM llllllllllliTllllll
I De Apostelen volgen Hem, maar zij |
| zullen weldra insluimeren.. .. Geheel i
| alleen, plat ter aarde liggende, zweet 1
1 Hij wateren bloed en wordt van droef- 1
| beid overstelpt : «.Mijn Vader, neem \
| dezen kelk van mij teeg
| Hier vooral heeft bet smartelijk |
1 lijden plaats van bet Heilig Hart________1
1 Indien Hij tot zijn Vader zegt : Neem |
| dezen kelk van mij weg, is bet omdat 1
1 Hij veel meer aanschouwt dan zijne |
| smarten en zijn dood. dien Hij zijn 1
1 doopsel des bloeds noemt____ Hij ziet ï
| de misdaden der menscben,____hetmis- 1
| bruik dat zij zullen maken van zijne |
| genaden en verdiensten... zijnen Vader 1
1 beleedigd... |
| A lien gingen wij op dit oogenblik |
1 zijne blikken voorbij, Hem bet schouw- 1
| spel aanbiedend van onze misdaden en |
i ondankbaarheden...... Hij bemerkte |
| slechts ééne ziel geheel zonder vlek, |
ï slechts één schepsel in alles getrouw |
| aan de genade, en in staat Hem te |
1 troosten over zijne onmetelijke smart, 1
| meer nog dan de Engel die kwam om |
| Hem te versterken ; bet was Maria, 1 aiuiiiriiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiitnniim
1 206 I
iiillimiiiMiiimiMiniimiiniiiiiiiiiiiiiumiiiniiiiiiiiMiiiiiiiiiiniMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiinit'
I gij waart het, o, Onze Lieve Vrouw i 1 van liet Heilig Hart. i
I H. 1
1 ONZE LIEVE VROUW VAN HET HEILIG HART |
| NEEMT DEEL INDEN DOODSANGST VAN i HET HART VAN JEZUS.
| Wat doet Maria te Jeruzalem gedu- |
I rende den doodsangst van den Verlos- 1
| ser ? Kent zij liet verraad niet, dat in |
I het duister gesmeed wordt ? Kent zij |
| den boozen toeleg niet van de oppersten |
1 der priesters, de misdadige belofte van |
| Judas om dengene. die de oneindige |
i schat is, voor dertig zilverstukken |
| over te leveren ? |
i Gij weet het, o mijne Moeder ! en 1
| het zwaard, door Simeon voorzegd, |
1 dringt dieper door in uw Hart: zwaard 1
| van droefheid, dat uwe ziel doorboort. |
i Jezus lijdt, en zijne Moeder is niet |
| aan zijne zijde ! Zij heeft op zich ge- i
| nomen om zijne gezellin in het onge- |
| luk te zijn, en zij is niet daar ! Doch |
ï deze gedachte alleen veroorzaakt Maria |
| eene matelooze smart; en deze smart, |
iiiiiiniiiiiimmmimmiiiiimiiiiimmmimiiiiiimiiimiimmiiimMimimiiiiijiiiiii^
1 207
«Iiiii0iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii£iiiiiii
I ver van Jezus geleden, ishetpijnlijkste |
1 offer, dat van eene Moeder van God |
| gevorderd kan worden, en tegelijker- i
I tijd de zoetste troost, welken deze |
| Maagd der smarten het droevig Hai't 1
| haars Zoons bezorgen kan ; Jezus ziet |
| hare tranen, hoort hare zuchten ; Hij 1
1 weet dat deze welbeminde Moeder, al |
| is het lichaam afwezig, toch met geest 1
1 en hart bij Hem waakt. |
| Ja, Heer, Gij weet, dat het Hart 1
1 van Maria bij het Uwe is, dat haar ge- |
i bed met het uwe zich vereenigt, dat 1
| hare moederlijke toestemming zich bij |
I uwe Goddelijke voegt : zij neemt aan |
| om al de smarten en versmadingen van |
I den kruisdood met u te deelen. Stellen |
| wij ons Maria op dat oogenblik voor. |
| Welkeene smart, welk eene droefheid! 1
| welk eene liefde ! |
I ni. |
1 TOEPASSING. |
| Wij kunnen ook deel hebben aan 1
1 de vertroostingen welke Maria heeft |
| bezorgd aan het Hart van Jezus ge- 1
Ktmniiimiimmiiiimimimmmii'imiiimimiiiiitimmmiiiiiiimiiiiimiiiiiitjiiiiiiil
1 208 1
«iiiiiriiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiitii ii uittil tiiiiiiiinn
| durende zijn doodstrijd in den Hof
| der Olijven, door ons namelijk op haar
| voorbeeld te vereenigen met het lijden
| van Jezus. Het Hart van onzen God-
i delijken Meester vraagt zelf deze oefe-
| ning, welke Hij leerde aan de Gelukz.
| Margareta Maria en heden bekend is
| onder den naam van het heilig uur. | «Eens. «zegt de Gelukzalige, opende
| zich dat Goddelijk Hart, en er kwam
| eene zoo hevige vlam uit, dat ik er
| door meende verteerd te worden____
| Hij sprak tot mij : Lidster goed naar
| hetgeen Ik u vraag____ alle nachten
| van Donderdag op Vrijdag, zal Ik u
| doen deelen in de doodeljhe droefheid
| welke Ik loei heb willen lijden in den
| hof van Olijven____ En om Mij gezel-
| schap te houden in dat ootmoedig ge-
= bed, dat Ik alstoen aan mijn Vader
| opdroeg, zult gij tusschen elf uur en
= middernacht opstaan, zooicel om den \
| Ooddelijken toorn te bedaren door
| barmhartigheid voor de zondaars af
| te smeeken als om eenigermate de
| hitter held te verzoeten, welke Ik onder-
| vond doordien mijne Apostelen mij
quot;loUiiiiiitttitiiiiiMiiiiiiijjjjjjujii^iiiiiijiiiiiuiiininii nu,Hm,, mm,mill,in,
209 14
1 verlieten, en Ik genoodzaakt was hun |
| te verwijten, zelfs niet één uur met 1
1 mij te kunnen waken, n (1)
| Kinderen van O. L. Vrouw van het |
1 H. Hart, deze oefening moet ons dier- |
i baar zijn ; en kunnen wij ze niet ver- i
| richten op het door den Zaligmaker |
| aangewezen uur, laten wij ons dan ten i
1 minste in den geest vereenigen met |
| hen die dat geluk hebben, laten wij ï
| dan ten minste in den avond van Don- |
| derdag eenige oogenblikken besteden i
1 aan de overweging der smarten van |
| het Hart van Jezus in den Hof van i
1 Olijven. i
1 Oefening. Eiken Donderdagavond, |
| vóór wij ons ter rust begeven, ons |
i vereenigen met O. L. Vrouw om het |
| H.Hart van Jezus te vertroosten door |
| de laatste gedachten die onzen slaap 1
| voorafgaan. |
l Schietgebed. Onze LieveVrouw van |
1 het H. Hart, troosteres van het Hart |
| van Jezus, bid voor ons. |
i (1 Gehihz.Marg.Maria, Paray, II. 328. |
iiiiiniimiiimimiimmimiimmmimiiiimiimiiiimmitmiiimiimiiiiiiiiiiiiiiiiiii 210
ittiinTiiuniiniiniMiniiitttitiTintinttntnrutiriniiirntiiMiiiiititttiiiiiitittiriinttlTtiiiin
I GESCHIEDENIS. |
= Onze Lieve Vrouw van hel Heilig Hart =
i in Algiers. |
ï Den i3 Augustus i865 bevonden zich =
| twee muzelmannen en een Missionaris van =
= Afrika op den spoortrein in eenzelfde rijtuig =
i op de lijn van Lyon, met nog een jeugdig |
= priester, die zich naar Issoudun begaf. =
i Terwijl de volgelingen van Mahomed =
= hunne afwasschingen deden en niet ophiel- §
§ den met het roepen van; Allah! Allah! |
= begonnen de twee priesters een gesprek =
l over de moeilijkheid om bekeeringen te =
= maken in Algiers, en over den nieuwen naam |
| van Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, =
= Voorspreekster in moeilijke zaken. De Mis- i
i sionaris,die zijn vertrouwen voelt opgewekt, i
E belooft dat hij die opkomende devotie zoo- i
= veel mogelijk zal doen kennen, indien |
| Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart van =
= Jezus hem eerst een zeer duidelijk bewijs |
i van hare macht geeft. Hij vraagt haar dus |
| de bekeering van twee jeugdige muzelman- =
| nen, die tot eiken prijs uit eenen allergevaar- |
| lijksten toestand moesten gered worden. De ï
| zaak w^as menschelijker wijze gesproken =
| hoogst moeilijk. Het verzoekschrift met |
= potlood in den waggon zelf geschreven, =
1 wordt naar het heiligdom van Issoudun i
l opgezonden, en onze reizigers scheiden van |
= elkander aan het station te Lyon. Eenigen =
| tijd daarna meldde een brief uit Algiers |
â Mimmiiiiiiiriiiii
211
iiniiiniiiiiiiiMiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiniiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiM
naar Issoudun het doopsel der twee jonge muzelmannen. Ludovicus en Stanislaus. De gunst was verkregen, en Maria bleef, ondanks de woede der hel, de twee zielen beschermen, die zij aan den goeden Missionaris geschonken had, om hem te toonen dat zij in waarheid is de Hoop der hope-loo^en.
Zie er hier een nieuw bewijs van in den volgenden brief, dien dezelfde Pater schreef naar het heiligdom van O. L. Vrouw van het Heilig Hart.
« Goeden Vrijdag, 19 April 1867.
« De twee Arabische kinderen aan wie O. L. V. van het H. Hart reeds de genade des Doopsels had verschaft, hebben opnieuw hare machtige bescherming ondervonden.
« Hunne ouders hadden verkregen dat zij eenige weken te midden hunner familie kwamen doorbrengen, maar zij hadden te voren uitdrukkelijk beloofd dat men hun algeheele vrijheid zou laten wat de vervulling hunner godsdienstplichten betrof, dat men hen in geen geval tot de een of andere bijgeloovige oefening zou verplichten en ze op den vastgestelden tijd naar Frankrijk zou terugzenden.
« Daar echter de duivel den buit, die hem ontrukt was, wilde terugkrijgen, wekte hij een ongelukkigen maar zeer invloedrijken afvallige op, om door allerlei middelen de gezindheid der ouders te veranderen, en de
iiiiniiiiimiiiminiiimimiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniii
212
IMIgt;11111111M1111111111111 If 111111 tl 111M11111111111 lt; 11111111M111M111M111111111111111
kinderen, door beloften of bedreigingen, hun geloof te doen verzaken.
« Wij bevalen ze O. L. Vrouw van het H. Hart en den H. Jozef aan, en hoopten tegen alle hoop in. Weldra sloeg God den afvallige op eene onvoorziene wijze, die schrik inboezemde. Het hart der ouders werd zoo plotseling veranderd, dat men niet kon nalaten hierin het werk te zien van O. L. Vrouw van het H. Hart.
« De toestemming tot den terugkeer der kinderen naar Frankrijk werd verkregen op den dag dat de Kerk het feest vierde van het gebed van Onzen Heer in den Hof van Olijven.
« Al de gebeden. Communiën, goede werken door die zoo dierbare kinderen verricht, werden ongetwijfeld aan het Hart van Jezus aangeboden door O. L. Vrouw van het Heilig Hart, die zich ook ditmaal wederom getoond heeft de machtige Voorspreekster in hopelooze zaken. »
Een zeer schoon exvoto in marmer, met Arabisch opschrift, werd naar het heiligdom van Issoudun opgezonden, tot eene getuigenis dier groote gunst, welke verkregen werd op de voorspraak van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart.
mimi iiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimmmiiimiiiiiiiii in iimtiiiii
213
iiiiiiiriiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiituiii
IIIHIIIMIIIj $é-Cr =
iko i
-oâCof1-, 111 tui mi 11 iiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiin
vmi________
| DRIE EN TWINTIGSTE DAG. 1
= Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, |
| erfgename van Jezus' liefde |
| voor ons. |
= Ziedaar uw Zoon... Ziedaar uwe r
r Moeder. (Joan. XIX. 26, 27.) =
ONZE LIEVE VROUW VAX HET HEILIG HART E BEMINT ONS MET DEZELFDE LIEFDE, WELKE | ZIJ HET HART VAN JEZUS TOEDRAAGT. =
⢠I rmnïiTiniiiiiiiiiiiiHn
1
ROUWE, ziedaar uw Zoon, | |
aldus sprak Jezus van de | 1
hoogte deskruises, terwijl Hij 1 1
| aan Maria den H. Joannes aanwees. | 1
| Dit woord, dat Jezus in het laatste uur | |
| zijns levens sprak, kwam uit zijn Hart | |
f als de eenige erfenis, welke Hij aan | |
| zijne Moeder wilde nalaten. | |
^iiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiuiiiiiiuiijïiiiiii iHiiiniiii
1 214 lil
illllliiii iiiiiiiTmiii nun ii hui mi 11111 i i iiiiiiiiiiiiiinii 11 n him 1111111 mi i m i mi 111 n iiiiiiiiiiiiTiniiii
1 Jezus sterft voor alle menschen ; zij |
I worden aan den voet van het kruis i
1 verbeeld door den welbeminden leer- |
| ling-, en deze leerling wordt uitgeko- 1
i zen om op deze wereld bij Maria de |
| plaats van Zoon te bekleeden. I
| i «Vrouwe, ziedaar uw Zoon.» Het |
| was alsof Jezus zegde : Breng al de |
| | liefde, o Maria, die gij Mij toe- 1
| | draagt, voortaan op mijn leerling over, |
| | bemin hem zooals gij Mij bemint, en 1
1 bemin in hem op dezelfde wijze alle |
| | mensehen, die van heden af uwe kin- |
1 | doren worden. |
| | Van dat oogenblik af beschouwde |
1 de Allerheiligste Maagd in de over- |
| groote menigte van menschen slechts 1
1 andere Jezus Christussen. Onder de |
| misdaden der zondaars, evenals onder 1
| de verdiensten der rechtvaardigen, |
i bespeurt zij het Hart van Jezus, dat de 1
| 1 eenen aanzet tot bekeering en in ande- |
i ren werkt om in hen zijne eigene 1
| | deugden te vermeerderen. |
| En dit moederschap van Maria om- |
| vat alle menschen en alle tijden. |
| O, O. L. Vrouw van het Heilig =
iiJÃuim |:Hiiiniiiiimiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiimiiiiimmiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiii»-
lil 215 . 1
â¢iiiiiiTiiiiiimiiiiiiiiiiiiinMiiHimiiiimiiiiiiiimmiiiiiiiiiiiimiiiiimmimiiuiiiiiiiiiii
I Hart, gij zijt dus mijne Moeder, en gij i
I bemint mij onophoudelijk met al de |
1 liefde, waarmede gij het Hart van |
I Jezus bemint, |
f II. 1
| HET H. HART VAN JEZUS GEEFT OXS DE 1
= ZENDING, ONZE LIEVE VEOLW VAN HET |
| H. HAKT TE BEMINNEN WET AL DE LIEFDE, =
= WELKE HIJ HAAK TOEDRAAGT. |
i En daarna zegde Jezus tot zijnen 1
1 leerling: « Ziedaar uwe Moeder.» |
1 Ook dit woord klonk van de hoogte 1
| des kruises, en het moest, daar het |
1 mot al de liefde van Jezus voor zijne 1
| moeder uit zijn Hart voortkwam, on- |
i ophoudelijk in ons hart weerklinken. 1
| De Moeder van God is mijne Moeder. |
1 Nooit zullen de Engelen des Hemels |
| aldus kunnen spreken. Maria is wel |
i hunne Koningin, en zij zijn hare ge- i
| lukkige en getrouwe dienaren, maar |
i zij zijn hare kinderen niet; zij is hunne |
| Moeder niet________|
| Ditwoord: v Ziedaar uwe Moeder,» |
i dat rechtstreeks tot den H. Joannes |
| gericht werd, wordt ook tot ieder onzer |
? -
uiiiiiiiiiiiimtumiiiuiiiuiiiiimiiimiiiiiimmiiiiiiimiiuiiiniimimimiiiimiiiiiiiii»
1 21G =
iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiiiiiMiiiiiiiiiiiiitiiiMiiiniiiiiiii»
f gericht ; het beteekende, dat wij als |
| kinderen van Maria werden aangeno- | | men, en dat Jezus, die voortaan onze 1
| Broeder was, ook ons voorbeeld zou |
ï zijn van de liefde, die wij zijne H. 1
| Moeder moesten toedragen. |
| Vreezen wij dus niet Maria te veel 1
| te beminnen, omdat wij haar moeten |
1 beminnen, zooals liet Hart van Jezus 1
| haar bemind heeft. Welk ander mid- |
1 del hebben wij om dezen hoogen graad |
| van liefde te bereiken, dan haar al i
1 de liefde op te dragen, waarmede |
| Jezus haar bemint ? Dit is het juist 1
1 wat de godsvrucht tot O. L. Vrouw |
| van het Heilig Hart bewerkt; zij doet | i ons het Hart van Jezus beminnen door |
| Maria, en Maria door het Hart van |
| haren Goddelijken Zoon. |
III.
TOEPASSING. Ej
| Wij bezitten een middel, waardoor |
1 Maria ons al de liefde van het Hart |
| van Jezus kan mededeelen en waar- |
| door wij haar de liefde van dit Hart |
iiiiiyiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiTmiii
1 217 1
aiiiiijiiiiiiiiMtiiiimiimimiiiiimimimmimiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiMMMniiiiiiiiiiimjiiiiiii|iiiiiiTiiiM
1 kunnen aanbieden, te weten het H. i
ï Sacrificie der Mis, als wij namelijk =
i dit H. Oifer ter eere van het H. Hart |
| en van onze Hemelsche Moeder bijwo- |
1 nen of laten opdragen. |
| Deze oefening was aan vele heiligen =
i zeer dierbaar en bijzonder aan de Ge- |
| lukzalige Margareta Maria, die door |
| den Goddelijken Zaligmaker zelf hier- |
| over onderricht werd. |
| Zij schreef aan haar broeder, wiens 1
1 genezing, door hare gebeden verkre- |
| gen, zij vernomen had : «JFif hébhen \
1 beloofd, dat gij gedurende negen Za- \
| terdagen ter eere der Onbevlekte Ont- 1
| vangenin der Allerheiligste Maagd \
1 en Moeder Gods Maria de li. Mis |
| zult lezen of laten lezen, en op negen \
| Vrijdagen gedurende de vasten ter |
| eere van het H. Hart van O. H. Je- l
1 zus Christus, n (1)
| Oefening. Ter eere van O.L.Vro.uw 1
1 van het H. Hart do H. Mis hooren of |
| laten opdragen. |
i (1) Grelukz. Marg., Paray. II. 101.
iiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiiiiiiinr 1-218 1
imMïïimiiiimimmmiiiimiMimiiiiMMmmiimnmimmmiMimmiMiiiMimmimii
I Schietgebed. Onze Lieve Vrouw van | | het H. Hart, erfgename van Jezus' | i liefde voor ons, bid voor ons. §
1 GESCHIEDENIS. |
| Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart =
i te Goa. {Engelsch-Indië.) |
| Op den 16 Februari 1S69 maakten de =
= schismatieken van Goa- zich zonder eenig =
= recht van de grootste katholieke kerk van =
à het land meester, om ze tot het middelpunt |
à hunner werkzaamheden in te richten. Den §
à volgenden dag, zegt de Missionaris wiens |
à verhaal wij in het kort samenvatten, trad =
à ik er binnen, vergezeld van vier gendarmen =
= en eene menigte christenen ; de Goaneezen, |
à die hun zegezang zeer hoog hadden doen =
à klinken, werden als dolle honden. |
à Onder die woelingen kwam de Eerw. =
à Pater Baulez, die zoo vurige ij veraar voor =
à de godsvrucht tot O. L. Vrouw van het |
à H. Hart, hier aan. Hij leerde mij de won- =
à deren en de verheven devotie kennen. Hij i
à hing eene plaat van deze machtige Koningin =
à in het koor mijner kerk, stelde het heilig- =
à dom onder de bescherming van O. L. Vrouw |
à van het H. Hart, en beloofde een altaar =
E onder dien titel te harer eere te zullen op- =
à richten, als alles voorbij zou zijn. =
à Van dien dag af tot den 12 Mei gunden = Iniuriiiiiinmmi 111 iin in m mum milium
iiimiiiiiiiiiiiiiiiiiimiimiimiimimi
219
uiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiimimiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiriiiii
r de Goaneezen zich geene rust, en beraam- =
= den zóó wei hun plan, dat op den avond =
| van den i3 eene woedende menigte de ë
= kerk omringde, de deur der sacristie open- =
à brak en zich van het geheele gebouw meester =
§ maakte; den 14's morgens kwamen ze in =
à triomf met trommels en trompetten aan het \
E hoofd in deze kerk, terwijl ik afwezig was. =
= Ik kwam een weinig later, nadat de \
ï Goaneezen heengegaan waren, die vóór hun =
= vertrek de toegangen der kerk opnieuw ver- =
= sperd hadden. Ik riep Maria aan onder E
à den titel van Hoop der hopeloozen ; na vele ë
= vruchtelooze pogingen slaagde ik er in de =
I deuren open te breken en binnen het huis ë
= des Heeren te geraken ; het was 10 uur des Ã
i avonds. =
I Toen de Goaneezen, die meenden dat de Ã
= deuren nog gesloten waren, den volgenden E
I dag de klok hoorden luiden voor de Mis, =
E geleken zij meer op tijgers dan op menschen. ]
E Intusschen begon een mijner ambtgenooten ê
1 met de H. Mis, niettegenstaande hun on- =
E stuimig geschreeuw; daar ik vreesde, dat E
I zij zich op hem zouden werpen, bleef ik in ë
E het koor. De gewapende macht trad ver- E
E volgens tusschenbeide en bracht deze ernstige :
I zaak voor het gerecht. j
E Na vijf zittingen, waarin ik mijne zaak \
I zóó bepleitte, dat ik buiten adem was, er- \
E kenden de rechters mijn goed recht. :
I Sedert is alles geëindigd. :
I Moge O. L. Vrouw van het H. Hart, die i
iiniiTjiiiMimimiiiimmiiiimitiimiimiiimtmiiiiiMiiimiiiMiiiimiiiiiiiiiniiiiijiiiif uiiiiiiii
1 220
â
i
IIIIIIJIII11MIIIII11II lllll 11M11 tl IIII III 11M III III 11 lllll IIMI llll 1111111 III 11 lllll 11111111 Mill IIJIIII11
i d e zegepraal der dwaling en der ongerechtig- |
= heid niet geduld heeft, mij helpen om die =
à arme scheurmakers, die zoo gedwee zijn |
E geworden te onzen opzichte, te bekeeren. =
= Ter herinnering aan deze feiten hebben wij =
à in onze kerk een altaar laten oprichten, =
= toegewijd aan O. L. Vrouw van het H. Hart. =
= Haar beeld is bijzonder goedgeslaagd. Maria i
= schijnt de hand van den schilder bestuurd =
= te hebben. =
à Deze kerk draagt den naam van de H. H. =
E Apostelen Petrus en Paulus van Oetteme- =
= noer. |
= B. Brissard, Aspost. xVliss. |
öö óö óö 6-h ^oögoo8?gt;
iiiiuiiiimiiiimimmmmmmmiiimiiiiimimmimmmimmimmiüimiiimtmiii 1 221 1
I i
| VIEREN TWINTIGSTE DAG, |
| Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, |
| Helpster der zielen in het |
| Vagevuur. |
= Hebt gij Hem niet gezien ~
r dien mijne ziel bemint ? 5
= (Boek der Gez. 111. 3.) =
11111111111111111111111X11111191111111111
ONZE LIEVE VROUW VAN HET HEILIG HART, BEROOFD VAN DE TEGENWOORDIGHEID HAARS GODDELIJKEN ZOONS.
iET offer van Calvarie was volbracht. Jozef van Arima-thea vroeg vrijmoedig aan | Pilatus het lichaam van Jezus ; hij 1 bedekte dit kostbaar overblijfsel met | myrrlie en aloë, wikkelde het in lijn-1 waad en plaatste het in een nieuw 1 graf.
liiiliummimmiiiiiiMimiiiiiiiMiimiiiiiimmimimiii 1 222
iiiiiiiiiiiimmiimiiiimiiimiiiiiimimiiimmiiiiiiiimiiiiiiiiimiiiiiiiiiimiiiiiiriiiiiii
I Er werd een steen voor den ingang I
| van het graf gewenteld, en Jezus werd =
| onder het getal der dooden geteld. 1
| In Jeruzalem zijn de wonderen van |
| den Verlosser vergeten ; de herinne- i
| ringaan zijne weldaden is uitgewischt; i
| de éerbied, dien de menigte hem eer- |
i tijds betoonde, is geheel verdwenen, i
| Slechts eenige heilige vrouwen zijn |
| op het godvruchtig denkbeeld geko- f
i men om naar de grot te gaan, die het |
| ontzield lichaam van den Godmensch 1
| bevat. |
| Verbeelden wij ons hier de gevoe- 1
i lens van geloof en liefde van O. L. |
| Vrouw van het H. Hart ; zij weet dat 1
| de Verlosser der wereld weldra vol |
| glorie en majesteit zal verrijzen ; dat 1
| zijne ziel in het voorgeborchte is neder- |
| gedaald, om de zielen der aartsvaders |
| en rechtvaardigen der Oude \Vet te |
i bezoeken, en met hare gedachte volgt |
| zij Hem, overal waar Hij gaat... Niets |
| is in staat den band te verbreken, die |
ï haar met Hem vereenigt ; met hare |
| wenschen verhaast zij het oogenblik, |
1 waarop de dood zijne prooi zal terug- |
piiiiiliiiiiiniiniiiiimiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiimiiiiimiiiiiimmmimiimmiiiiiiiiTiiiii»»
I 223 =
«iiiiiimiJiiiJMiiimmimimiiiiiiiiiimmiJinmiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiimimiimi)
1 geven, en zij kan hare gedachten niet 1
1 aftrekken van de smarten en beleedi- |
1 gingen die Hij op het kruis heeft ver- 1
| duiird. Zij herinnert zich al zijne won- |
1 den, zijne doorboorde handen, zijn |
| met doornen verscheurd hoofd, zijne i
1 zijde door de lans geopend____ Welk |
| een oogenblik voor haar, toen zij hare |
| hand leggende op zijn Goddelijk Hart, |
| Het niet meer voelde kloppen ! |
I H. I
| DE ZIEL VAN JEZUS IN HET VOORGEBOECHTE. i
1 De ziel van Jezus, ofschoon van het 1
| lichaam gescheiden, blijft niettemin |
1 voor zijne Moeder de verhevenste ge- i
| voelens van liefde behouden.
1 De aartsvaders, de profeten, de |
1 rechtvaardigen van de Oude Wet, de |
| lijdende zielen in het vagevuur be- 1
| groeten in hun kerker en ballingsoord |
| met eene levendige blijdschap de komst 1
1 van hunnen Bevrijder; zij beschouwen |
| Hem als het verwachte licht, en de 1
| Goddelijke Meester spreekt hun van |
1 Maria als van den dageraad, die de |
«iiiiriiiiiiiimiiiiiiimmiiimmiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
224 1
iiiimmmiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniin
ware Zon der gerechtigheid heeft voortgebracht.
Zij erkennen Hem als den welda-digen dauw, die hun in de langdurige hitte van hun smachtend verlangen verfrissching komt schenken, en Jezus doet hun zijne Moeder kennen als de geheimzinnige wolk, die den Rechtvaardige heeft geregend, als de aarde, die den Verlosser heeft voortgebracht.
Het schijnt mij, alsof ik deze Goddelijke ziel de getrouwe Maagd met al de vrouwen der vorige eeuwen hoor vergelijken : met Eva, onze eerste moeder; met Sara, de moeder van Izaak ; met Rebecca, Rachel en Judith; met al de dochters van Israël, en tot allen hoor zeggen, dat Maria geene enkele barer zwakheden gehad, en in zich alleen al hare schoonheid en al hare deugden vereenigd heeft.
Het komt mij voor, dat Hij hun ook heeft moeten verhalen, op welk eene wijze deze Moeder de genaden van den Allerhoogste tot een sieraad verkregen heeft, hoedanig zij haren God heeft weten te beminnen, hoe dat zij
liiiiiiiiiiiiiiiiiiimnmiiiiiiimiiiiimiiiiimmiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
225 15
.......................................iinmiiiimmiMtiititMimiiimimiiiiMniiniJiiiiH
1 zich steeds beijverd heeft om Hem op |
| allerlei wijzen de liefderijkste hulde te 1
1 bewijzen, en hoe vurig zij op aarde |
1 naar zijne terugkomst verzuchtte. |
| 111. |
| TOEPASSING. |
| De droefheid die Maria gevoeld |
1 heeft bij den dood van haren Godde- |
| lijken Zoon, kan eenigszins vergeleken | 1 worden met de droefheid der geloovige |
| zielen, die in de tijdelijke berooving 1 van Gods aanschijn hare grootste pij-1 niging vinden. O. L. Vrouw van het _ ^
1 H. Hart heeft, om zoo te spreken, in 1 I | | zich zelve ondervonden wélk eene be- | |
i hoefte aan vertroosting die arme zielen | | hebben, die zoozeer verlangen in het i 1 bezit van hun opperste Goed gesteld te | i worden. Moeder aller menschen, is zij | |
| toch nog meer bijzonder de Moeder e i van hen die lijden. Men kan er niet | | , i aan twijfelen of zij heelt een innig | | , 1 medelijden met al de zielen des vage- |
1 vuurs. |
1 Kinderen van O. L. Vrouw van het |
tnr â TiiiniiiiMiiiiiiimiiiiiMiiiimmiiiiiiiin'iiiiiiMiiiiiiiiiiiiini.....
| 226 1 =
â g 1
I
iiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiijimimiiiimiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiniiii
H. Hart, de gevoelens onzer Moeder moeten ook de onze zijn. Wij kunnen door de oneindige verdiensten van het Hart van Jezus, de arme zielen verkwikken en het uur barer bevrijding verhaasten. Deze godvruchtige oefening werd door het Heilig Hart aan de Gelukz. Margareta Maria aanbevolen, die meermaals den troost bad. van de zielen te zien, die zij verlost had. (i Dezen morgen, schrijft zij. Zondag van den Goeden Herder, zijn twee mijner lijdende vrienden (zoo noemde zij ze,) bij mijn ontwaken, mij vaarwel komen zeggen, daar heden de opperste Herder haar in zijnen schaapstal ontving, metmeer dan een millioen andere, in wier gezelschap zij vertrokken onder onverklaarbare vreugdegezangen ... Daar ik haar smeekte onzer te gedenken, zeiden zij mij, als laatste woord : Dat de ondankbaarheid nooit den Hemel is binnengegaan.)) (1)
(1) Geluhz. Marg., Paray, II. 42-41.
mnniiiiimmiimiiiiiiiiiiimiiwiiiiiiiiiiiiiiuiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
227
Hiiiiniiiiiiiiiiiiiiniiiiiimiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiinminmiiiiiiiiiiiiiii
1 Dewijl het de geest der Aartsbroe- |
1 derschap van 0 L Vrouw van het H. |
| Hart is, te bidden voor de hopelooze |
1 zaken, moeten wij vooral voor de | â¢
| meest verlaten zielen des Vagevuurs, |
1 onzegebeden,smartenen verdiensten in |
| de handen onzer Moeder nederleggen. f
1 Oefening. Doen bidden voor de |
i zielen des Vagevuurs.
1 Schietgebed. O. L. Vrouw van het |
1 H. Hart, helpster der zielen in het |
1 Vagevuur, bid voor ons. |
| GESCHIEDENIS. |
i Onze Lieve Vrouw van het Heilig Harl e
| te Leuven. [België). |
| De EE. PP. Minderbroeders Conventuee- |
= len hebben te Leuven eene kapel, toegewijd |
1 aan O. L. Vrouw van H. Hart; zij is zeer s
= dierbaar aan de katholieke godsvrucht. Den ^
i 17 October 1885 zongen de Religieuzen eene 5
i mis der overledenen. Eensklaps begon eene |
i vrouw, die op eenen stoel zat, en die op twee =
= krukken steunde, te weenen, te snikken en |
1 te roepen. Iedereen verwondert zich en |
i geraakt in beweging. Intusschen staat de |
iHiiiiTiiiiiuiiiinimiiiimiimnniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimmmiiiiuiiininiiiiiiiiiiiiiiHquot;1
1 228 1
luiiitmniiifiiiiiiiiiinmniiiiMiniiiiiiiiMniiiiMiiniiiiiiiiniiiinmil
vrouw op, in hare handen de krukken houdende en luid roepende: « Ik ben genezen! Ik ben genezen ! gt;gt; Zij dringt inderdaad door de menigte en loopt naar het beeld van Onze Lieve Vrouw van het H. Hart. « Ik moet haar bedanken! « zegt zij, « Ik wil haar bedanken.» En zij beproeft de mira-kuleuze Lieve Vrouw te bereiken. Haar man, die daar dicht bij was, beefde en weende, hij neemt zijne vrouw in zijne armen en heft haar op tot bij de handen van het beeld. De mirakuleus genezene nam alsdan van haren vinger haren trouwring, den eenigen schat dien zij bezat, en deed hem aan den vinger van Onze Lieve Vrouw van het.H. Hart. De geloovigen, tot tranen toe bewogen over dit schitterend wonder en over zulk een geloof, beginnen de eenen de litanie te zingen en de anderen den rozenkrans te bidden. Des namiddags doet de gelukkige vrouw tochten door de stad, terwijl zij aan iedereen, die het hooren wil, haar mirakel vertelt. Sedert lange jaren kon zij niet meer gaan. Zij had eenen riem noodig om hare knie te ondersteunen. Haar man had haar dien morgen naar de kapel der Minderbroeders gedragen om er de H. Mis, die men er voor eenen overledenen bloedverwant las, bij te wonen. Acht dagen later deed zij in de gezegende kapel eene mis van dankzegging zingen, en sedertdien tijd kan zij bijzonder goed gaan.â Wij hebben dit verhaal van den E. P. Guar-diaan van het klooster te Leuven, ontvangen.
iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiimmiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
229
iiiiiiüimiiiimiimiiiimiiiimiiiiiiimiiiiiiiiimmimmiimmmmimmiimiiiiffiiiiiP
I Sedert dit mirakel, hebben de Paters =
ï Conventueelen voor O. L. Vrouw van het =
| H. Hart eene andere kapel opgericht, die =
= terzelfder tijd ernstig en bevallig, schoon =
| en correct is. Zij is het werk van den geleer- |
1 den heer Helleput, professor aan de Uni- =
i versiteit van Leuven en van Mgr Cartuij- |
| veis, onder-Rector van de Universiteit. De =
i E. P. Vaudon, Missionaris van het H. Hart, |
| en de E. P. Guardiaan der Capucienen van i
= Brussel predikten het Triduum ter voor- =
I bereiding van de inzegening der kerk. Wij ;
| weten dat O. L. Vrouw van het H. Harter =
i steeds de edelmoedige uitdeelster der ge- |
i naden van het H. Hart van Jezus is. =
iliiinijiiiiiiiimmiiiinimiiiiimmmiiMiiiiMimiiimiimiiiiimiiiimmmiiiiiiiniiiiii
1 230 1
â
| VIJF EN TWINTIGSTE DAG. j
| Onze Lieve Vrouw van het H. Hart 1 in de vreugde der Verrijzenis.
Ik ben weder opgestaan, en ik = E ben nog bij u. =
E kPs. CXXXVII. 18.) |
E GEVOELENS VAN HET HART VAN JEZUS BIJ f à DE VERRIJZENIS. 1
ET graf heel't zijn slachtoffer |
teruggegeven, de natuur heeft |
liare lofzangen hervat ; het i
| Hartvan Jezus, naar welks welluidend- i
i heid de Engelen en de hemelen aan- |
| dachtig waren, ontwaakt na een slaap 1
| van drie dagen. O Goddelijke Harp ! |
| laat uw zoetluidende tonen opnieuw 1
1 weerklinken. Verhaal tereerevan den |
imimiiiil quot;quot;quot;^quot;quot;quot;quot;quot;quot;quot;quot;quot;.quot;quot;quot;quot;quot;quot;quot;quot;quot;quot;quot;quot;quot;iiiimiiiiniiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiimimiiiQiimi
231 1
...........................................................................................
| Almachtige de overwinning van het |
| leven op den dood, van de deugd op |
i de ongerechtigheid, van het goed op |
| liet kwaad ! |
| Door een groet vol liefde verdrijft 1
1 de Verlosser bij de heilige Vrouwen |
| de vrees die haar ontstelt; Hij maakt =
i haar de hoden zijner Verrijzenis. Hij i
| brengt zijnen leerlingen den vrede ; |
i Hij deelt hun eene nieuwe macht mede, |
| toont hun zijne door de lans geopende i
| zijde. |
| Wie zal de genaden kunnen opnoe- |
| men, waarmede Hij zijne Moedér over- |
| laadde, toen Hij, volgens de overleve- |
1 ring, bij zijn Verrijzenis aan Haar |
| verscheen ? Toch kunnen wij reeds nu, |
1 daar wij het Hart van onzen aanbid- |
1 delijken Meester kennen, een denk- |
| beeld vormen van de woorden die er |
1 gesproken, van de gevoelens van |
| vreugde die er gedeeld werden. |
1 De schitterende majesteit des Zoons i
i moest op de Moeder terugkaatsen en |
| haar als met een mantel omgeven. Zij 1
1 was wezenlijk de geheimzinnige vrouw |
| met de Zon der gerechtigheid bekleed. 1
r 5
â¢iiiimimiimiiiimmiiiiiiimMiiiiiiiMmmiiimiiiiimimiMmmiiiiiiiiiimiiimmmA
1 232 I
MimiiimiimiiimmiiiiiiMiininiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiil-
Maar het is vooral de liefde van het Heilig Hart die zieli nog meer volkomen aan het Hart van Maria mededeelt, en haar aantoont dat eenige uren van uiterlijke scheiding de banden, die hen vereenigden en reeds zoo nauw waren, slechts nog nauwer hadden toegehaald.
Mocht een Apostel de zoo zoete uit-noodiging ontvangen zijne hand in de glorievolle wonde van Jezus' Hart te leggen, Maria ontvangt de uitnoodi-ging zich geheel in dit Hart te verliezen en er altijd te verblijven.
II.
= VREUGDE VAN ONZE LIEVE VROUW VAN HET 5
= H. HART BIJ DE VERRIJZENIS VAN JEZUS. 1
| Welke waren niet de vervoeringen 1
| van vreugde der Maagd, toen haar 1
| Welbeminde bij den dageraad der Ver- |
= rijzenis, deze troostende woorden aan 1
| hare ooren deed weergalmen : « Ih hen |
| verrezen en ik hen nog hij u |
| «O mijn Zoon, moet zij uitroepen, |
= uw Hart klopt weer in uwen boezem. |
ooiiiljiiiiiMimiiiimiiimiimiiiiMiimiiiiimiiiiiimiiiiimimiiiimmniiumnmi,,!,,!
233 1
lllllllllliiiiiiiiiiiiMiiiiiimiiiiim
â
«miiTmimiiiimiimimiimimiiiiMiMMMMiiiiimmiiiMmmiiiiiimmtMMmmmimit
I Ik, uwe Moeder, behoef mijne hand 1
i niet te leggen in de wonde van dat |
| Hart, dat ik ü geschonken heb. Ja, |
| Gij zijt waarlijk verrezen ; uwe stem |
| is mij al te zeer bekend ; uwe gevoe- |
| lens zijn nooit voor mij verborgen ge- |
| weest. Laat mij nu in uw verheerlijkt |
1 Hart binnentreden, om er verhevener 1
| leeringen te vernemen dan die, welke |
1 Het tot heden toe heeft gegeven. O 1
| Hart van mijn Zoon, bedank uwen |
1 Vader voor mij en voor alle stervelin- i
| gen; vergeef aan de menschen, vergeet |
| de smarten, die zij U hebben doen |
| verduren, de ondankbaarheden, waar- |
| mede zij aan uwe liefde hebben beant- |
i woord. Ik zal mijne zwakke verzuch- |
| tingen met de uwe vereenigen, ik zal |
i er die van alle zuivere zielen bijvoe- |
1 gen, en de Hemelsche Vader zal op het |
1 gezicht der duizenden harten, die met 1
1 het Hart van het menschgeworden |
i Woord vereenigd zijn, zijne eeuwige |
| rechtvaardigheid vergeten , om de |
| schatten zijner oneindige barmhartig- |
| heid over alle harten uit te storten.» | 1 Maria trad in het bezit der nieuwe |
4iiiiiriiiiminiiiniiiiiiiiniiimiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii:iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniinigt;
1 234 1
miiiiTiiiMiiiiitiimiiiimmimmitiittimiimmiiiMiiiiiiiiiiiiiimimiiMiiiitiiiiiiiTiiiiiii
I schatten, welke de Verlosser, toen Hij 1
| als overwinnaar uit den strijd des f
| doods kwam, medebracht; en de H. 1
| Kerk schept er behagen in haar op |
| den morgen zelf der Verrijzenis toe te 1
| roepen: uRegina coeli leetare! Konin- 1
| gin des hemels, verheug u ! Omdat i
| dien Gij waardig zijt geiceest te dra- \
\ gen verrezen is zooals Hij gezegd i
| heeft! » |
| III. |
| TOKPASSING. |
| Wij kunnen in Maria de zoete vreug- 1
| de der Verrijzenis van haar Goddelij- |
| ken Zoon vernieuwen, als wij uit den 1
| dood der zonde opstaan, om tot het |
| leven dor genade te verrijzen. Het 1
1 Hart van Jezus werkt in ons volgens |
| onze gesteltenis. i
1 « Eens scheen het mij toe,» schrijft |
| de Gelukz. Margareta Maria, « dat ik 1
| dit beminnelijk Hart zag als eene zon, |
| welke hare stralen naar alle kanten |
| en op allo harten uitschoot, maar op 1
| eene zeer verschillende wijze, volgens 1
JniiijjiiiiimiiiiMiiMmiiimnmiiiiiiiMiimimiiiiMiMmiiMiiiiiiiiiMiiimiiiMiiiiMiiiiii
1 235 f
tuiimiiiiiiimiimiimmmmiMimimMiiimmtiitiimmmniifimiiiimmiimiiiTiinii
I de verschillende gesteltenissen derge- i
I nen op wie zij vielen ; want de zielen |
i der verworpelingen werden nog meer i
I verhard, evenals het slijk door de |
| stralen der zon hard wordt ; maar de 1
| zielen der rechtvaardigen integendeel |
1 werden zuiverder en zachter evenals 1
| quot;was. i) (1) |
1 Kinderen van O. L. Vrouw van het |
| H. Hart, stellen wij ons niet tevreden |
1 met alleen uit de zonde op te staan, =
| maar verlaten wij ook het leven van |
1 lauwheid, en beginnen wij het vol- |
| maakte leven van het Hart van den |
| verheerlijkten Jezus Christus. 1
| Oefenmg. Het Goddelijk Hart bid- |
1 den en doen bidden voor de bekeering |
| der zondaars. |
i Schietgebed. O. L. Vrouw van het |
1 H. Hart, deelgenoote van alle zege- |
| pralen van het Hart van Jezus, bid |
| voor ons. |
i (1) Geluhs. Mary., Paray, II, 278. |
r ---------Z.
«iiiiMiiimiiMimmmmimiiiiiimimmimmiimiiimmmiiiiimiimiimmiiiMjfiiiiii
1 236 1
iiiiiiinii 111111 it 111111111111111111111 i 1111 i 11111111 n ii ii 111111 ii 11 in 1111 inn I ii I it I ii I ii ii Hm jjiim
1 GESCHIEDENIS. 1
I Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart §
= â te Bombay. [Indie.) |
i De E. P. Pereira, van de Sociëteit van \
| Jezus, verhaalt ons aldus de vestiging der I
| Broederschap te Bombay. quot; i
= SS, Rozario-Mazagao (Bombay), i
à 26 Februari 1870. i
5 « Ik was in droefheid gedompeld bij het ï
= vernemen dat een opstand ging uitbreken =
= te midden van mijn volk, en ik nam mijne i
= toevlucht tot de Moeder Gods. Alsdan vond 1
I ik op mijn tafel de A niia/en van O.L. Vrouw 1
= van het Heilig Hart. Ik begon ze te lezen ; ik i
I verzonk in diepe gedachten, en ik werd |
I getroffen door eene bijzondere genade. Ik =
E nam op hetzelfde oogenblik het vaste besluit i
I die wonderbare en krachtdadige devotie ge- 1
E durende geheel mijn leven met alle mij ten i
= dienste staande middelen te bevorderen en =
E uit te breiden ; en, na eene novene te hebben =
E gehouden, hebben wij plechtiglijk, door tal- |
I rijke communiën, de devotie tot O L. V. van 1
à het H. Hartin deze kerk van den II. Rozen- =
E krans ingevoerd; dit had plaats verleden i
= Zondag 20 Februari. 1
E Deze godsdienstige handeling bleef niet |
à onbeloond. De gezegende naam van O. L. i
: Vrouw van het H. Hart verspreidde zich Ã
niiiüiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiijiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiin
1 237 1
ff
iiiiiiiTiiiiiiiiniimmmiiJiiiiiiiiminniiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiimimniiiim/miiiiiniiiiii
| als een vuur onder de gelieele bevolking, |
i en den 3i Mei beleefde O. L. Vrouw van =
| het H. Hart in dat land een barer schoonste |
= triomfen. |
à « Dit feest zal nooit uit ons geheugen §
i gewischt worden, schreef ons, den 25 Fe- |
= bruari van het volgend jaar de Eerw. Moeder =
i Overste der kloosterlingen van Jezus-Maria |
| te Bombay : de illuminatie overtrof al wat =
= men zich kan verbeelden. De eer die men i
| haar bewees en het vertrouwen dat men in E
i hare machtige voorspraak stelde, zijn aan i
i O. L. Vrouw van het H. Hart aangenaam |
1 geweest. Een merkelijk getal gnnsten zijn =
i verkregen, waaronder wij tellen kunnen de i
| genezing van talrijke zieken, ook van een =
i melaatsche e.n\an een stervend kind, de |
i bekeering van een verharden zondaar, de |
= demping van een opstand en meerdere |
I geestelijke gunsten, waarvan eenige aller- =
iiifiiiuiiiiniiniiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiniiiiiiniMiiiiinuiiiiiniiiKiiiiiiiiiiii
i 238 =
opmerkelijkst, n
Mère Saint Léon.
11 11
I ZES EN TWINTIGSTE DAG, |
I Onze Lieve quot;Vrouw van het H. Hart | bij de Hemelvaart des Heeren. |
Hij is opgeklommen ten Hemel. E r (Credo tier H. Mis.) §
= HET HART VAN JEZUS IN DIT GEHEIM.quot; ^
| OOR Jezus heeft het uur der |
overwinning geslagen. De i
Hemel, die de heilige |
| menschheid van zijn Koning nog niet |
| heeft bezeten, ziet verlangend naar |
| Hem uit. Jezus beklimt den berg van |
1 Olijven, die nog onlangs getuige zijner |
| smarten quot;was, en nu het tooneel zijner |
1 zegepraal gaat worden. De Apostelen i
| vergezellen Hem en ontvangen van 1
| Hem de belofte, dat Hij hun een ver- |
iiiiiriimiiimimiiiiiiiimiiiimiiimiiiiiimimMiimiiiiuiiiimmiiiiimmiiimiünm»
239 1
4iiiiiiniiiniiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiititiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiniiiiitiititMiiuiiniiiiiiiiiii
| trooster zenden zal; Maria is ook daar ; |
1 haar hart is verdeeld tusschen de |
| vreugde,-welke het gezicht haars Zoons |
I haar verschaft, en tusschen de droef- |
| heid, welke de gedachte aan eene |
1 nieuwe scheiding haar veroorzaakt. |
| Maar het Heilig Hart van den goeden |
1 Meester, die zijne heerlijkheid niet 1
| heeft willen binnentreden , zonder |
i vooraf nog eenmaal zijne leerlingen i
| en apostelen rondom zich te vergade- |
1 ren en hun zijne gevoelens van liefde |
| bekend te maken, dat Hart. zeg ik, |
1 kan niet nagelaten hebben Maria te |
| troosten en haar een teeder vaar- |
1 wel te zeggen. Ofschoon Jezus de ver- |
i diensten van zijn lijden en dood met |
| zich ten Hemel voert en ze zijnen |
| hemelschen Vader gaat aanbieden ; of- |
| schoon Hij bezit gaat nemen van de |
| glorie, die Hem toekomt, zal Hij toch i
| niet ophouden uit het hoogste des |
| Hemels over de laatste dagen, die |
1 zijne Moeder nog op aarde moet door- |
| brengen, te waken. Hij laat haar zijn |
| dierbaarsten schat , de opkomende |
| Kerk, achter. Hij stelt haar aan, als = «iiiiiiUiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiïuiiii 1 240 1
iiiiijiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiriMiiui
I het kanaal der genaden en der barm- | | hartigheden van zijn Goddelijk Hart. 1
II.
E GEVOELENS VAN ONZE LIEVE VROUW VAN =
= HET HEILIG HART IN DIT GEHEIM. |
| Konden de Apostelen hunne oogen |
= niet afwenden van de plaats waar eene 1
| geheimzinnige wolk Jezus aan hunne |
| blikken had onttrokken, welken in- 1
| druk moest Maria dan niet gewaar |
1 worden? Opgetogen van vreugde over 1
| de zegepraal van haren Goddelijken |
| Zoon, volgde zij Hem met haar Hart 1
| inzijn eeuwigkoninkrijk. Zij vereenig- 1
| de zich met de vreugdezangen, die de |
| hemelsche legerscharen aanhieven ter f
| eere vandenGoddelijken Overwinnaar, i
| zij deelde in de vreugde van den he- |
| melschen Vader, die zijn welbeminden i
| Zoon ontving, en in de blijdschap van |
| den Zoon, die voor eeuwig aan de 1
| rechterhand des Allerhoogsten ging |
| neerzitten. |
| Alleen het licht eener ernstige me- |
| ditatie kan ons in het hart onzer wel- 1
niiiiimiiiimimimiiiiiiiimiiimimimiimiiiiiiimmimimiiiiimmmmiiimiTimiii
16
241
inilllllllllllltllMIIMIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIMIIIIIIIIIIItllllMIMintlllllllMlirtflltMIIIIIIIirillll
I beminde Moeder Maria binnenleiden, i
| en ons doen zien met welk eene ver- 1
1 lievene onderwerping zij er in toe- |
| stemde, voor het welzijn der Kerk, 1
| nog lange jaren in de ballingschap |
| dezer aarde te verblijven. Voorzeker 1
i bracht dit ofl'er, dat van de teederste |
| der moeders gevraagd werd, pijnlijke 1
i doornen mee; maar het wordt ook de |
| bron van ontelbare verdiensten, waar- 1
| van de Allerheiligste Maagd zicii zal |
| bedienen, om meer en meer de macht 1
I te vergrooten, die zij reeds door hare |
1 deugden op het Hart van Jezus ver- i
i worven heeft. i
III.
E TOEPASSING. =
| Dat ons hart, op het voorbeeld van 1
| O. L. Vrouw van het H. Hart, steeds |
1 in den Hemel zij,en hierbeneden al de 1
| ellenden des levens met het oog op i
I den Hemel aanneme. « Wat blijft er 1
| voor ons op de aarde over, daar onze | |
I Opperpriester voor ons den Hemel |
| opent ? Onze Voorspreker, onze Mid- |
«iiiimiiiiiiiiiiiuiiMiiiitiMiiiiiiiiMiiiiiiniiiitiiiiiiiiiiiriiiitiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiH miiiiiiiiiuimn
1 242 I i
nil iminiiiiMiimiimitimHimiiimiiiiimiiitimiiiiiiimiiimimiimiimiiiiimmffiiiiiii
1 delaar, ons Opperhoofd is in den |
I Hemel ; onze vreugde, onze liefde en 1
1 onze hoop, ons erfdeel en onze woning |
| zijn in den Hemel; onze kroon en onze 1
| rustplaats is in den Hemel.» Het H. |
| Hart van onzen Koning is ons in het 1
[ | hemelsch Jeruzalem voorgegaan. Welk |
| offer zouden wij Hem kunnen weige- 1
i ren, om bij Hem te komen ? |
| (i Eens, zoo schrijft de Gelukzalige 1
= Mai'gai'etaMaria,vertoondezichJezus, |
| de eenige liefde van mijne ziel, aan mij, 1
1 terwijl Hij in deeene Hand eene schets 1
| van het gelukkigst leven hield, dat |
1 men zich verbeelden kan, en in de |
i andere die van een leven, dat altijd 1
i vol lichamelijk en geestelijk lijden |
j | was. en terwijl Hij mij deze twee I
1 schetsen aanbood, zeide Hij mij : Kies, |
I i mijne dochter, het leven dat u het 1
i meeste behaagt. Ih zal u hij de keus |
| van het eene zooroel als van het andere 1
i dezelfde genaden geven.« |
| «Bevredig U zeiven, en dat is mij 1
| genoeg, n antwoordde ik. |
| « En toen Hij mij het leven van |
| kruisiging aanbood, voegde Hij er bij . 1
nl â 'iiiiiiiiiiiiiiiiniimiiiiiiiiiiiinmiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiimiiii
ilimjTiiiiniiiiiliniMiiiiiiiniiiiiiMHiiiiiiiiiinmmmiiiimiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiif1111!111quot;1
1 «Ziedaar iaat Ik voor u uitgekozen
| heb, en Mij het meest voor de vervtd-
1 ling mijner plannen behaagt..... Het
| andere is een leven van genietingen en
1 niet van verdiensten voor de eeuioig-
| he id. I)
1 Welke genade zou het voor ons zijn,
| als wij door de voorspraak van O. L.
| Vrouw van het H. Hart verkregen, van
. | over de goederen en de rampen dezer
| wereld naar hunne wezenlijke waarde
| te oordeelen.
| Oefening. In het vooruitzicht op den
| Hemel al de beproevingen des levens
| met overgeving aannemen.
| Schietgebed. O. L. Vrouw van het
1 Heilig Hart, deelhebbende in de glorie
| van Jezus' Hart, bid voor ons.
1 GESCHIEDENIS. |
= Genezing na eene bedevaart naar =
i Issoudun. i
=
1
Men schreef uit Reuilly (Indre, Frankrijk) =
1 in December 1868 naar het heiligdom te i
= Issoudun. = HllliniiiliiiiiiiiiNiiiNiiNiiniiiiiiiMitniiiiniiiiniiiMiiniiiniiiiiiiiiiiiiiiNiiiniiuTiiiii quot;
1 244 i
luiHfjun iiuifiiiiiMniimiiniiiiimiiiiiniiiiuimnmiiiiMiuiiiniuiiiiiuimiiiiniiimiiiiifiiiiiii
! Herinnert gij u nog, Eerw, Pater, dat ik |
: UEerw. tegen het einde van Juli eene jonge =
j vrouw zond, die met een soort van waan- 1
I zinnigheid geslagen was, die haar aanzette l
zich zelve van kant te maken met haar kind, i
= een aanminnig meisje, dat zij reeds in het i
! water had geworpen om het te verdrinken? |
; Na deze daad van wreedheid liep de onge- =
I lukkige moeder zelve rond om eene rivier |
1 te zoeken, teneinde er zich in te werpen. =
: Gelukkig bemerkte men hare vlucht; men ï
I slaagde er in haar tegen te houden. Zij |
j verklaarde dat zij, na haar dochtertje in i
à het water geworpen te hebben, niet meer |
; verdiende te leven. Op hare aanwijzingen =
: loopt men naar het kind toe, dat men in den i
I droevigsten toestand vond, en slechts na |
: veelvuldige pogingen tot het leven kon i
= terugroepen. Het was waarlijk een treurig =
; schouwspel te zien, hoe die arme jeugdige =
; moeder zich voor onze voeten wierp, terwijl I
= zij ons smeekte, haar in de gevangenis te i
: zetten of te dooden. De getuigen van dit i
I tooneel konden hunne aandoening niet =
: bedwingen, toen zij zagen hoe het geheele i
= huisgezin in wanhoop was over zulk een |
; waanzin. Wij kregen toen de gelukkige ge- =
ï dachte, Eerw. Pater, deze jeugdige moeder =
à naar Issoudun ter bedevaart te zenden; onze |
: Zusters begeleidden haar den 22 Juli, feest- =
= dag van de H. Maria Magdalena. De vrouw |
; biechtte er en beval zich aan de bescherming |
; van haar. die zoo te recht de Voorspreekster =
H in moeilijke en hopelooze aangelegenheden 1
iuTiimi [quot;quot;MUfiiimiimiimiuiiiimiiiii
iiiiuniiitiiiiiiniiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiUd'U
245 1
lt;iiittTnmifMiimiimmmimimiiiimrmiimiiiriiiiimiiiimmiiumiiiiimMMiimiiii
= wordt genoemd ; zij nam de medaille aan,
i welke UEerw. haar gegeven heeft. Op het
| einde der Novene, die begonnen werd te
= Issoudun, in de bakermat zelf der gods-
= vrucht tot O. L. Vrouw van het H. Hart,
| keerde zij in hare huishouding terug; want
i al dien tijd hadden wij haar bij ons ge-
| houden, om haar, ondanks haar zelve, te
= hoeden voor den dood, dien zij overal
| zocht. Sedert dien tijd is zij volkomen
= hersteld, en ten toppunt van geluk, evenals
i geheel haar huisgezin. Onze Lieve Vrouw
| van het H. Hart zij er duizendmaal voor
= gedankt! Als wij wat lang gewacht hebben,
| Eenv. Pater, met UEerw. de gelukkige uit-
jj komst der novene mede te deelen, dan is dit
1 slechts geschied, omdat wij zeker wilden zijn
H van devolkomene genezingder jonge vrouw.
= Indien UEerw. gepast oordeelt dit feit be-
| kend te maken, dan kunnen wij de echtheid
= hiervan verzekeren.
Zuster Maria Victoria, relig., = en hare Medezusters.
iiiiimniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiMniiiimiiiiiiiiiiiiiiii miuTn
= 246 Ã i 1
I
lllfiriinMiMMimiiiiimiiMMimiimMmmmiiMmimtmiiiimiimimiuimmiiiiiiiiiii
E -v vr -X- -X- -v â¢â¢â¢ -a- â¢â¢â¢ -X- â¢â¢â¢ -v ?⢠§
| ^; -lt;Sgt;:' ^ f
1 ZEVEN EN TWINTIGSTE DAG f .
| Onze Lieve Vrouw van het H. Hart i
| op Pinksterdag. =
De H. Geest, dien de Vader in =
= mijnen naam zenden zal, die zal u E
= alles leeren, en u alles indachtig =
à maken wat ik u gezegd heb. =
= (Joan. XIV. 26.) E
1 I- 1
1 DE H. GEEST STORT IN MARIA DE VOLHEID |
1 ZIJNER GAVEN UIT. =
jN do grootste afzondering en 1
in een volhardend gebed |
wachtten de Apostelen de |
1 komst van den H. Gaest, den Ver- |
I trooster, af. Plotseling ontstond er f
1 uit den Hemel een geluid als van eenen |
I aankomenden hevigen wind. De derde 1
1 persoon dor Allerheiligste Drievuldig- |
I heid daalt op zijne beurt op de aarde 1
iiiiiiTiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiniiiiir
i 1 247 1
iiiiiiiTkiiJiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiJiiiiniiiiiiimiiiiiiiiimniiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiii.
I neder onder de gedaante van vurige |
| tongen. Op welk hoofd zal de Geest |
ï van liefde het eerst gaan rusten ? Welk 1
| Hart zal Hij het eerst ontvlammen ? |
1 Zonder twijfel het onbevlekt Hart van i
| Maria. i
| Gelijk een stroom die van den top 1
| eens bergs nederstort, door zijn eigen |
| val dadelijk een diepe kolk graaft, 1
| waaruit hij zich vervolgens in ver- |
| schillende beken door de vlakten ver- 1
| spreidt, evenzoo vereenigen zich de |
i genaden des H. Geestes in het Hart 1
| van Maria, om zich vandaar in de 1
| Harten der Apostelen te verspreiden. 1
f II. f
l ONZE LIEVE VROUW VAN HET H. HART I
= MAAKT AL DE GENADEN VAN DEN H. GEEST | | IN HAAR VRUCHTBAAR. =
1 Maria, vervuld met den H. Geest, |
| opent de oogen harer ziel voor dat 1
1 nieuwe licht, dat van boven is neder- |
| gedaald. Degeheimzinnigenevel,waar- 1
1 in het leven van Jezus gehuld was, |
| verdwijnt geheel en al ; zij begrijpt 1
uiiiiiriiiiiimiiiiiiuniiiimiimmiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiimiimmiiiiiiimiiiiimmiiniim» 248. 1
iiiluTmiiMtMiMmiMumimmimiiiiiMmmiiMmmmniitiMMimimmmMiimtrTiiiiiK.
I de vernederingen van het vleeschge- |
1 worden Woord, zijn openbaar leven, |
| zijn dood aan liet kruis, zijn vertrek 1
| naar den Hemel nu veel beter ; en al |
| die veropenbaringen van Gods Geest 1
1 vermeerderen bare liefde voor het |
| H. Hart van Jezus. i
i De H. Geest, het vuur der eeuwige |
| liefde, doelt aan zijne Bruid den hei- 1
| ligsten liefdegloed mede. Hij, de kracht |
| des Allerhoogsten, verleent aan Maria |
1 de standvastigheid der martelaars, om |
| de bitterheden der ballingschap zonder §
1 klagen te verduren ; Hij, wiens werk |
| liet is meesterstukken van heiligheid 1
1 te vormen, komt Maria de laatste |
| trekken van gelijkheid met het Hart |
| van Jezus geven, om van deze Maagd |
| een wonder van genade te maken, 1
= welks roem de aarde en de hemel zul- |
| len bezingen, waarover de Engelen en ï
1 de menschen zullen verbaasd staan... |
| En al deze volmaaktheden werden in |
1 onze welbeminde Moeder gedurig ver- |
| groot en vermenigvuldigd.
iimiiMiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
' i 249
iiniitiiiiiiiiiiiiiiiiMMiiii»
â
.................................................................................
in
TOEPASSING
| Den H. Geest ontvangen en met i
| zijne genade medewerken, hierin be- i
1 staat het geheim der heiligheid. O.L. f
| Vrouw van liet H. Hart zal ook we- |
f derom hierin onze voorspreekster en |
| ons voorbeeld zijn. Bidden wij haar 1
i dat zij voor ons eene grootere mede- |
| deeling van dien Göddelijken Geest |
i verwerve ; want Hij moet in ons het |
| werk der heiligmaking, dat door het |
1 H. Hart van Jezus ondernomen is, i
| voltooien. |
1 Ziehier, hoe de Gelukz. Margareta |
| Maria zich over dit onderwerp uit- |
1 drukt ; 1
| «De drie aanbiddelijke Personen der |
1 Allerheiligste Drievuldigheid vertoon- |
| den zich aan mij ; de Vader bood mij |
| een kruis aan en zegde mij : J^ie, mijne 1
| dochter, lit cjeef u hetzelfde geschenk |
| als aan mijn icelheminden Zoon. |
| «En ik, zeide JezusChristus, Ik zal |
f er u aan vasthechten, zooals ik er aan |
aiiiniimiiiiiiiiiiiiiiiniiimimimiiiiiiiiiiiimmimimiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiinii
250
(iiiiiiiiiumiiiiiimiiiimniiiiiiiiiiimiiiiimiiiiiiiiiiiimmiimimiiimiiiwiiiiiiiiiiiiiir
I gehecht hen geweest, en Ik zal er u 1 | getrouw gezelschap houden. i « De aanbiddelijke Persoon des H. |
| Geestes zeide mij, dat 'Hij, daar Hij |
ï slechts liefde is, mij op dat kruis zou |
| verteren met mij te heiligen.» (1)
f Het komt aan den H. Geest dus toe, 1
| ons in de liefde van het H. Hart van i
i Jezus te verteren. Zouden wij nalatig 1
| kunnen zijn in naar eene zoo kostbare i
1 gunst te verlangen ? i
| Oefening. Godvruchtig het Veni |
| Creator, Kom, Schepper H. Geest, i
| bidden, om den H. Geest te smeeken, |
= dat Hij ons verlichte en heilige. 1
ï Schietgebed. O. L. Vrouw van het 1 | H. Hart, vervuld met de gaven van | | den H. Geest, bid voor ons i
(1) Geluhs. Mary., Paray, I, 80.
iimiLjiimmiiniiMimiiMiiiiiiuiiiiimiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiimiimmiiiimiiiiiiriiiini
I 251 I
ï GESCHIEDENIS. i
| Gods loerhen te openharen en ie belijden =
i is eervol. Ã
| 't Loo, Dekenaat Doesburg, 17 Oct. i883. i
I Eene bijzondere gunst, welke wij aan |
= de voorspraak van O. L. Vrouw van het H. |
= Hart toeschrijven, wenschen wij u mede te |
= deelen. =
I Eene vrouw, uit eene der omliggende i
I plaatsen, leed aan zware koorts. Als deze i
i afnam en ten laatste was geweken, ging de =
= ziekte over in eene droevige, eene treurige |
i kwaal. De verstandelijke vermogens waren =
I aangedaan. De teekenen van zinneloosheid |
i waren van dien aard, dat men verplicht was =
I bij dag en bij nacht met bijzondere zorg i
= waakzaam te zijn. De geneesmiddelen, aan |
I de zieke toegediend, brachten geene ver- i
= andering in den treurigen toestand. De diep- |
I bedroefde echtgenoot besloot, wijl er. niet- |
I tegenstaande de meest zorgvuldige verple- i
I ging, in den ziektetoestand sinds de maand i
= Mei geene verandering was waar te nemen, =
= tot Onze Lieve Vrouw van het H. Hart zijne i
= toevlucht te nemen. =
I Vier weken geleden bezocht deze man de i
= plaats, waar Maria onder den tit^l van O. |
I L. Vrouw van het H. Hart hoog vereerd =
= wordt. Met een vurig, een groot vertrouwen =
= verzoekt hij eene novene tot herstel van de |
ttitn
I dierbare zieke. Hij keert bemoedigd, steu- =
aiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiquot;'niimmiiiMimimimiiiiiiiiMiiimmiiiiniiimiimimiiiiiimmiii
nende op de voorspraak van O. L. Vrouw van het H, Hart, de toevlucht in hopelooze zaken, naar zijne woning terug. Niettegenstaande de zieke haar scapulier afgeworpen en tot dusver geweigerd had eenig gebed te verrichten, nam zij de medaille bereidwillig aan. Geheel het huisgezin bad dagelijks de heerlijke gebeden van de novene. Reeds in de eerste dagen is eene groote, eene heilzame verandering merkbaar. De geestvermogens keeren langzamerhand terug. Naarmate de dagen der novene vorderen, worden er meer èn meer gunstige verschijnselen waargenomen,en bij het eindigen der novene is de zieke hersteld. In de daaropvolgende dagen verricht de genezene hare gewone werkzaamheden; zij ontvangt de H. Sacramenten, en er vertoont zich geen spoor meer van de zoozeer gevreesde kwaal.
Laatstleden Zondag legde de genezene vrouw met haren echtgenoot een weg af van vijf uren, om neer te knielen voor het beeld van O. L. Vrouw van het H. Hart en in de vurigste gebeden hare blijdschap en dankbaarheid te betuigen. Onder de vele merkwaardige gevallen, hier ondervonden, zijn wij door het laatst voorgevallene bijzonder getroffen en wij verheugen ons, dit aan de vurige vereerders van O. L. Vrouw van het H. Hart te kunnen mededeelen: gedachtig de woorden der H. Schrift: Sacra-mentum regis ahsconderr. bonum est; opera autem Dei revelare, et eonfiteri honorificum
aiiiiifliiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiifiiiiii'
= est. (Tob. XII. 7.) Het geheim des kouings | I verbergen is goed, doch Gods werken te i = openbaren en te belijden is eervol. i
§ Lamb, van Egerex, Pastoor, i
r
I ACHT EN TWINTIGSTE DAG |
| De laatste dagen van het |
| sterfelijk leven van O. L. Vrouw | 1 van het H. Hart.
quot;Wee mij, dat mijn vreem- r delingschap zoo lang duurt!.. = (Ps. CXIX. 5.) Ã
i.
HET HART VAN JEZUS WEKT MEER EN MEER IN MARIA HET VERLANGEN NAAR DEN HEMEL OP.
IETS kan uit het ?Iart van |
Je/.us de herinnering verwij- =
deren der leerlingen, die Hij |
1 hierbeneden heeft achtergelaten, he- 1
| last met de moeilijke zending, om |
1 tegen de vijanden der zaligheid te 1
| strijden ; niets zelfs kan de ongeloovi- |
| | gen en goddeloozen, die zijne Kerk I
iiiiiiii niiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiimiiiimmiiiiiimmiiiiiiiiliiiii»
à i I 255 i
â¢Â«liiliiliiuniiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiKiiiiiiiiUiini
I gaan vervolgen, van zijne liefde uit- |
| sluiten. Hij zendt aan allen uit het |
| hoogste des Hemels zijne genaden ; 1
i maar het voorwerp van al zijn â \velbe- |
i hagen op aarde is ongetwijfeld Maria. 1
1 De H. Kerk schept er behagen in ons |
i Jezus Christus te doen hooren, terwijl |
1 hij zijne Moeder roept en tot haar |
| zijne teederste uitnoodigingen richt. |
l (.'Sta op, haast u, mijne Welbeminde, |
| mijne duive, de icinter des kruises is \
1 voorbij, de regen der droefheden is |
| over; de bloesems van uw heilig leven |
1 hebben hun geur verspreid, de vruch- |
| ten uwer deugden zijn rijp voor den |
| Hemel, de tijd, om ze te plukken, is |
1 aangebroken. De stern der tortelduif, |
| de stem der Kerk, die gij, door uwe |
i zorgen hebt bijgestaan, o Moeder, i
| heeft zich in ons land doen hooren________|
| Sta op, en kom. Toon mij uw geldat, 1
| en doe moe stem in mjne oor en klin- |
1 hen, want uwe stem is zoet, en schoon ï
| is uw gelaat____ » Wie zal ooit de |
1 begeerten naar den Hemel, welke |
| Jezus, door de aantrekking zijner |
1 genade en liefde in Maria's Hart | ............................................................................................
1 256 1
iiiiiiiiiimiiiiiiimiiiiiiiiiiifmiiimiiimimmiiiiiimiiiiiiMiinnmimmmiimiiniiiiii
I opwekte, kunnen vertolken ?
1 IL I
= HEILIGE BEGEERTEN NAAR DEN HEMEL IN 1
| O. L. VROUW VAN HET H. HART. |
| Alles wat Maria in deze wereld ziet |
| of hoort, alles wat tot haar gebruik i
| dient, alles treft haar Hart en brengt i
| de zoete herinnering aan haren Zoon |
| terug. Zij wandelt op den grond dien |
| Jezus' voeten betraden. Zij komt in de |
| vlekken, waar de stem des Meesters, |
| als het ware, nog weerklinkt. Zij ziet 1
| de leerlingen in getal aangroeien, de |
| Kerk zich uitbreiden ; het H. Sacra- 1
| ment de spijs worden der geloovigen, |
| en eene inwendige stem zegt haar : 1
| « Dit is het werk van Jezus' Hart.
| Maar wat haar vooral van liefde 1
| doet kwijnen, terwijl het haar hier |
| toch reeds een voorsmaak geeft van de 1
| genoegens van het vaderland, dat is, |
| dat zij in de stille eenzaamheid des |
| heiligdoms bij haren Zoon, onder 1
| broodsgedaante verborgen, mag neder- |
1 knielen. Wiezalhaar vleugelen geven, 1
'iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiitiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiii»
I 257 17 1
⦠I =
«iiMinmiminniiitMiitiitmmiitNttiuiiliMuiiiimmiiitiinMtiiiiiiiMitiniiiitiintTiiii
I evenals van eene duif, om opwaarts |
1 te vliegen, en in den Hemel Hem te |
| gaan aanschouwen, dien zij eenmaal |
| aan het kruis genageld zag. en wiens 1
| smartelijke zuchten/ij hoorde? «Wan- |
1 neer zal ik heengaan Wanneer slaat |
| het uur mijner bevrijding ? Waar-
1 om wordt mijn ballingschap in dit
| tranendal van dag tot dag gerekt ?â | J
1 O, moge ten minste de smart mijner | i
| scheiding als een offer gelden, en van |
1 het Hart van mijn Jezus der zielen |
| zaligheid verwerven ! » |
I iil i i
| TOEPASSING.
1 Al zouden de dagen, die wij nog te | ;
| leven hebben, ook vele zijn, nimmer 1 â
1 zijn zij te lang om ons tot een zalig |
1 sterven te bereiden. Maar wellicht is | '
| ons levenseinde nabij. Wat kunnen | 'J
| wij beter doen, dan van heden af al
| onzen ijver besteden, om door O. L.
| Vrouw van het H. Hart de genade der
| eindvolharding en de gloriekroon in de
-1 zalige eeuwigheid te verkrijgen ? De
iiimiiiiiiiiiiiiiiiimiiimmiMimimiiiiimmiiiimiiMiiimiiiimiiiimiiiiiiiiimiuiHiil
1 258
i
1 Geluk/,. Margareta Maria kan ons i
| hier weder ten voorbeeld dienen ; deze i
1 vurige minnares van Jezus' Hart stel- |
| de er zich niet mede tevreden, dat zij |
I geheel haar leven had doorgebracht |
| in eene aanhoudende voorbereiding |
1 om voor God te verschijnen, zij wilde i
| zich nog door eene lange retraite meer |
| onmiddelijk voorbereiden om naar den i
| Hemel te gaan. Niets is treffender |
| dan hare gevoelens bij deze gelegen- |
| heidâ «Ten einde mij gereed te |
| houden om voor Gods heiligheid te 1
ï verschijnen, schrijft zij, heb ik mij |
1 voorgesteld eene inwendige afzonde- 1
i ring in het Hart van Jezus Christus te |
1 doen.... De Allerheiligste Maagd zal 1
| mijne goede Moeder zijn ...» En ver- |
1 volgens vreezende, dat zij van Gods =
| genade misbruik heeft gemaakt, schept |
| hare ziel een heiligen moed en een |
| heilig vertrouwen, terwijl zij uitroept; i
i «Ik verdien geene vergiffenis, dat ziet |
i Gij wel, mijn Goddelijke Meester, ik i
ï stem er in toe, dat Gij mij in de ge- |
| vangeniszet,mitshetinuw Hart zij...» |
I En weinig tijds voor haren dood zeide |
li luiuiuiiiiiiimiiiiiiimiiiiiiiiiiiiMiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiliiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiuiliilllll'
l, 259 5
iimnTiiiiiiiiiiiiiiiiimiiimiiiiiiiiimimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiimiiiiiiiniiiiii
I zij ; quot; Ja. ik hoop, dat wij door de |
i barmhartigheid van het H. Hart zullen 1
i opgaan naar het huis des Heeren.»
| Haar heilige dood bevestigde de 1
1 woorden, die zij in haar leven gespro- |
| ken had : O, wat is het goed sterven, 1
1 als men eene groote godsvrucht heeft |
| gehad tot het Hart van Hem, die ons 1
| zal oordeelen ! » |
| Vragen wij deze genade van gods- 1
| vrucht aan O. L. Vrouw van het H. |
1 Hart. 1
| Oefening. Dagelijks het H. Hart |
1 van Jezus bidden, dat Het ons door |
| de voorspraak van O. L. Vrouw van |
| het H. Hart en van den H. Jozef. |
| Vriend van het H. Hart, de genade |
i van een zaligen dood verleene. |
1 Schietgebed. O. L. Vrouw van het 1
| H. Hart, die uit liefde tot het H Hart |
i van Jezus gestorven zijt, bid voor ons. 1
E ----PiCSAZSiSZ-------=
imiiiiimiimiiiimiiiiiiiimmiiiimmiiiimuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiimiiiniiimimin
260
iiinimHiiiMiiiniiiHiiiiiiiiiimmiiiMiMMiiiMiMMimiiimimiiiMimMimmiiimlJiiiiii
GESCHIEDENIS.
= Hoe sullen wij luide genoeg den lof van 1
1 On se Lieve Vrouw van het H. Hart i
| verkondigen? |
| Zeer Eerw. Pater Directeur, i
i Toen ik U de novenen verzocht, zooals i
| U bekend is, was onze dierbare vader, |
§ eenige weken geleden, door eene langdurige §
1 vi-rzwakking, zijn einde nabij. Van het be- i
| gin af, dat de ziekte zich ernstig liet aan- |
H zien, stelden wij het grootste vertrouwen op i
| de machtige hulp onzergoede Moeder Maria; |
= en ook onze goede vader had zijn vol ver- i
1 trouwen op haar gevestigd. De zwakte nam |
| echter meer en meer toe, zoo zelfs dat vader |
= zichtbaar verminderde. De geneesheer, een i
| in alle opzichten bekwaam man, besteedde Ã
= aan den zieke de beste en nauwlettendste i
= zorgen. Hoe zal ik U echter onzen angst |
| en onze droefheid schetsen, toen, ten ge- =
= volge eener bijkomende koorts, de dokter ï
= noodzakelijk achtte, dat onzen dierbaren §
= zieke de laatste H. Sacramenten werden i
| toegediend, en zulks wel in het midden van |
= den nacht, omdat de dokter niet tot 's mor- =
1 gens durfde uitstellen. Ã
= Die oogenblikken zullen wij nooit ver- =
1 geten. Het was Dinsdag; de zwakte hield =
| aan, en Zaterdag was er nog niet de minste |
| beterschap. Ons vertrouwen hield gelijken i-
innim iliilliiliiiiiiitiiiiiitiiiiiiiniMiiiiNiiiiiMtlliMtitiiiitltlltiiiililltniiiniiinMiiillllllÃMllll
1 261 1
iiiimiimiiiiiimiimiiiiiiiiiimmiimimmmiiiiiiiimiimimmiiiiiiliiiiiiiiimiiiiiiiii
1 tred met de ziekte; hoe zwakker vader werd, |
| hoe dringender wij baden. =
à Een onzer zusters, religieuze te Cappelle =
| in België, had toestemming gekregen vader =
= te komen oppassen. Wij deden den Hemel |
| een heilig geweld aan. Zondags was er eene |
| kleine beterschap; Maandag verlangde de |
1 dokter, dat vader eens op zou komen, het- E
| geen om reden zijner groote zwakte met i
= behulp mijner twee broeders moest geschie- |
= den. Dinsdag wilden zij hem weder hier- =
z mede helpen, doch vader dacht dat hij het i
1 alleen wel zou kunnen; tot ons aller ver- =
1 bazing, deed hij zulks ook, en ging van =
| zijn bed in eene andere kamer. Dienzelfden |
1 namiddag, door het schoone weder uitge- =
| lokt, deed hij eene wandeling in den tuin. i
= O. L. Vrouw van het H. Hart had onze |
i gebeden verhoord! Het herstel hield aan, =
| en eenige dagen later ging vader naar de i
1 kerk, en hervatte, tot ieders verwondering, |
| zijne gewone bezigheden. Tot heden geniet =
i onze dierbare vader zijne volkomene ge- |
| zondheid. =
= Door dankbaarheid gedreven. Zeer Eerw. |
= Directeur, verzoek ik U aan deze regelen =
= openbaarheid te willen geven, tot meerdere i
1 eer en glorie van Maria, die door hare |
i machtige voorspraak onzen dierbaren vader i
= heeft behouden, tot troost en steun onzer |
| goede moeder, en van ons,hunne kinderen. |
. | Ontvang, Zeer Eerw. Directeur, tevens =
tllliimiMiMiiiMiiiiMMtnMiiiiiitmiiMiimimiimmiiMiiMMiimiimmiiiiimmMiltMMi 1 262 i
lllllinilllMlltrilllltnillMllllllltllllllllllllltMIMinilllllllllllMIMIIIMUIIMIIIIIIIIIIIUIIIIir
1 onzen hartelijken dank voor uwe gebeden. |
| Met ware hoogachting, =
| UEd. Dienaresse, |
i A. Boelen, Zelatrice. =
| Waalwijk, 17 Oct, iS83. |
I PS. Bovenstaande regelen heb ik aan |
= onzen ZEerw. Heer Pastoor laten lezen, die =
I er zijne volle goedkeuring aan gegeven |
= heeft, de genezing van onzen dierbaren |
= Vader, tot lof van Onze Lieve Vrouw van i
i het H. Hart bekend te maken.
iiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiljiiiiiit
1 263 1
1 NEGENENTWINT1GSTEDAG |
| Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, i | Koningin van alle Heiligen in 1 den Hemel. 1
E Ik ben uw overgroot loon. =
= (Gen. XV. i.) |
= ONZE LIEVE VROUW VAN HET HEILIG HART =
| BEDIENT ZICH VAN ALLE HEILIGEN OM 1
1 HET HART VAN JEZUS TE VEREEREN. |
||N den hemel kan elke heilige, |
elke hemelsche geest, met 1
meer reden dan wij hier op |
1 aarde, uitroepen : «Ik leef, doch neen, |
| niet ik, maar mijn Verlosser leeft in i
| mij. Hij is het, die in mij zegepraalt, 1
| glorie aan zijn Vader geeft, met ver- |
| diensten gekroond is...» Maria vindt 1 iiiiiiiDiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuuiiiJiiiiiii|iii
264 1
iimminiiimmmimiiimiiniiimimiiiiimimmiiiiiimMiiiiiii
dus in het vaderland een wensch van haar moederhart verwezenlijkt. Zij vindt het Hart haars Zoons in alle harten vermenigvuldigd. Zij kan uitroepen : Ik bemin de Engelen, ik bemin de Aartsvaders, ik bemin alle heiligen, maar ik bemin vooral in hen het Hart van Jezus, dat zich uitwendig vertoont door hunne glorie, hunne heiligheid en hunne daden.
Maria oefent op alle harten der uitverkorenen de rechten van haar moederschap uit. Zij kan zich dus van al hunne lofzangen, van al hunne liefde bedienen, om het Goddelijk Hart van Jezus te vereeren en te beminnen. Dat is de aanhoudende bezigheid van O.L. Vrouw van hetH. Hartin hethemelsch Jeruzalem. Wie zou de opperste gelukzaligheid kunnen uitdrukken, die zij smaakt in de eerbewijzingen,welke zij aan het Hart van haren Goddelijken Zoon geeft en doet geven ?
1111111111111.11111111111111111 mimi tmiimii in
265
llllliriiiitiiiiiiiiMitintiitinititniininnniTiitiMiintitttiitniiiMtiMitiitiitiTtiinintiiiiiti
I ii- i
I HET HART VAN JEZUS VERHEERLIJKT |
= ONZE LIEVE VROUW VAN HET HEILIG HART | I DOOR GEHEEL HET HEMELSCH HOF. =
1 Dit Goddelijk Hart, dat in al zijne |
| uitverkorenen met al zijne glorie en |
1, zijne aanbiddelijke gevoelens leeft, |
| oefent op zijne beurt in hen allen de i
1 dankbaarheid, de liefde en de eerbe- i
| .wijzing uit, welke Hij aan zijne Moe- i
1 der verschuldigd is... Dus zullen alle =
| Engelen en Heiligen gedurende de i
I gansche eeuwigheid Maria op eene on- |
| uitsprekelijke wijze, door het Hart §
| van Jezus zelf in de tegenwoordig- |
1 heid der allerheiligste en hoogver- |
i heven Drievuldigheid loven, danken |
| en beminnen____ Door U, o Goddelijk |
1 Hart, zoo mogen wij wel zeggen, zul- |
| len de Engelen, de Machten, de Krach- |
1 ten, de Serafijnen, in eene zelfde liefde ;
| vereenigd, de heiligheid, de machten |
1 de barmhartigheid van O. L. Vrouw |
| van liet H. Hart in alle eeuwigheid |
1 bezingen. i
«uiiiMiimiiiiiiiiiiiiiiiimiimiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiKiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiHiiiii^itiitiiiii 1 266 1
â
iiiitTiiiiiiirtriniiMiMiiiiiiiiitiititiiiiiiiiiiiiiiuitiiiiiiiiiititiiiiiiiiiitiiititiiiiitiiiiTiiiiiit
i III. 1
I TOEPASSING. I
I De Engelen en de Heiligen deelen |
1 ons hunne liefde voor het Goddelijk I
| Hart- van Jezus en voor O. L. Vrouw I
ï van het H. Hart mede, als wij de lof- 1
| felijke gewoonte hebben, hen dikwijls |
| aan te roepen. «Het H. Hart van 1
| Jezus, zegt de Gelukz. Margareta |
| Maria, werd mij voorgesteld in het 1
| midden der vlammen zijner zuivere |
| liefde, omgeven door Serafijnen, die |
| met eene wonderlijke overeenstem- |
| ming zongen : 1 â¢
| ((De liefde zegepraalt, de liefde ge- |
1 niet. I
1 De liefde van het H. Hart verheugt, n |
| «Deze gelukzalige geesten noodig- |
| den mij uit, mij bij hen te vervoegen. Zij 1
| zeiden, dat zij gekomen waren om zich |
1 met mij te vereenigen, teneinde Hem |
| eene onafgebroken hulde van liefde, |
i aanbidding en lof te bewijzeij____Ter- |
f zelfder tijd schreven zij deze vereeni- 1
f ging met gouden en onuitwischbare | quot;iiiittiiiminiMimimimiimiMiiiiiiiiiiiiiimiiimiiiiimiiiiiimiiiiimiiiiiiiiiiiijtiiiii
267 1
..........................................................................................................................niiniimi
| letters in dit Goddelijk Hart. » (1)
1 Op een anderen dag zag zij hoe Ã
| Maria harten zocht en vraagde. i
1 «Ik heb,zegt de Gelukzalige, groote i
| uitwerkselen van de bescherming der l
1 Allerheiligste Maagd op den dag harer |
| glorievolle Tenhemelopneming onder- =
1 vonden. Zij vertoonde mij eene kroon, i
| welke zij zich gemaakt had van al die |
1 heilige Dochters, die zich in haar ge- i
| volg begeven hadden, en zij deed mij ' =
1 verstaan, dat zij met dat sieraad voor i
| de Allerheiligste Drievuldigheid wilde =
| verschijnen....)) (2) Laten wij ons aan i
1 O. L. Vrouw van het H. Hart opoffe- i
| ren als bloemen die zij in hare kroon =
| kan vlechten, volgzame harten, om [
| naar haar voorbeeld en in haar gezel- =
1 schap den lof van het H. Hart van Ã
| Jezus te zingen. l
1 Oefening. Onze godsvrucht jegens =
| onzen H. Engelbewaarder vernieuwen, \
1 opdat hij ons O. L Vrouw van het [
| (1) Gelv.hz. Marg., Paray. I. 76. | (2) Ibid. 185. \
uiiiimiiiimiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiimmmmiiiimiiiiiiiinmimiiiimiimimiiiiiiijuiii 1 268 f
iiiiimiuimiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiutiiiiiiiiiiiiiiiiii
I H. Hart leere beminnen en navolgen. 1
| Schietgebed. O. L. Vrouw van het |
| H. Hart, die in al de Heiligen het aan- |
| biddelijk Hart van Jezus doet lieer- 1
= schen, bid voor ons. ï
| GESCHIEDENIS. |
| Een heilige dood, helooning tan de i
1 godsvrucht tot Onze Lieve Vrouw van het |
i Heilig Hart. \
| Wie onzer heeft niet tot Maria dit schoon |
= gebed gestierd ? =
= En als 't lichaam eens zal sterven, |
H Doe mij dan de glorie erven. =
| Van het hemelsch Paradijs.
r Het is de grootste weldaad die wij aan |
| Maria kunnen vragen ; en die Moeder laat i
| nooit na ze voor hare kinderen te verkrij- 1
| gen. Wij hebben er in onze Broederschap i
| tallooze bewijzen van. |
§ Hortensia Vennin, eene jonge dochter i
| van Lambersart-lez-Lille is daarvan een |
r treffend voorbeeld. jE
i In de lente baars levensdoor eenedoode- i
| lijke ziekte aangetast, besteedt zij de drie |
1 laatste jaren van haar kort en smartelijk i
| leven om O. L. Vrouw van het H. Hart te |
| verheerlijken, wier glorierijken titel zij pas i iiiiigt;£uiifi»j.iiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiimiiiiiiiimmiiiiiiiimiiiiiiimMiimimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiini
269 1
w
tiiiiiiiiiinuiiiniiiiiiiMiiiiiiuniiiiiiiiiiiniiinniiiMiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiijiiii iniiiljiii
| had leeren kennen. Wie zal de vinding- |
1 rijkheid van haren ijver kunnen schetsen ? =
| Zij alleen heeft meer dan duidend personen |
i in de opkomende Broederschap doen in- |
| schrijven. Kwam men haar aan heur smart- |
= leger bezoeken, dan vond men haar met S
i heur boekje van zelatrice, iedereen aan- =
| radend zich te laten inschrijven. |
1 Beklaagde men haar over de pijn die zij =
| leed, dan antwoordde zij in hare ongekun- |
= stelde taal; a O! wat ben ik gelukkig ^oo |
1 jong piekte fijn geworden en net te blijven, i
| Want anders %ou ik wellicht, gelijk foo- |
= vele anderen, de wereld bemind en mijne i
| taligheid verwaarloosd hebben, (i) Het =
1 kruis dat zij droeg, hief haar ten Hemel op, =
| in plaats van haar neer te drukken; en haai |
= engelachtig geduld ziende, zou men gezegd E
= hebben, dat het lijden haar vleugelen had =
1 gegeven, waarmede zij iederen dag en ieder |
i uur tot haren gekruisigden God opvloog. (2) ï
I Om te trachten haar te genezen, schreven |
I de mannen der kunst voor, haar naar Italië §
= over te voeren... Gedurende de toebereid- =
I selen voor de reis, hield zij niet op te |
= herhalen: « Onze Lieve Vrouw van het H. =
I Hart zal mijn Italië zijn! » |
I Geheel hare ziel spreekt zich uit in dat |
'T i zoete woord ... De kwaal verergert en zij =
1 verschrikt niet . . . Immers O. L. V. van het |
i H. Hart verlaat hare kinderen in het laatste =
= (1) La familie chrétienne de Valence, Aug. 1868. I (2) id.
«iuiiMiiiimiiiiimiiiiiiiiiiiiiiimiimmiiiMiiiiinmmiimiimiiiimiiiiiiiimHiiMiii
1 270
f
iimiiiiiiiimiiiMimtiimmmiiiimiMiMiimmMiiiMiimimmiiMiMiiiiiiiMiirmiii»'
| uur niet . . . Den avond voor haren dood, |
r na twaalf slapelooze nachten, terwijl de i
= naderende doodstrijd hare borst benauwt, =
| vraagt zij aan hare zoo zwaar beproefde =
= moeder en aan de religieuze die haar ver- =
| zorgt, eenige oogenblikken van stilte en i
E eenzaamheid, om nog gedurende een kwar- =
à tier hare meditatie te doen. Zij gaat sterven, Ã
| maar zij bereidt er zich op voor, als op een Ã
= feest, cc De dood, zeide zij gedurende hare =
| ziekte, dat is niets anders dan dat God tot |
E de %iel %egt: Verlaat de aarde en kom tot E
| Mij. )gt; Ook zij had dien oproep gehoord; =
= den 3 April, feestdag der Zeven Smarten |
= van O. L. Vrouw, verliet zij de aarde om tot ë
à God te gaan. E
= De geur van godsvrucht welke hare schoo- |
| ne ziel achterliet, was zoo groot en liefelijk, =
E dat Mgr de Aartsbisschop van Kamerijk |
E toestond, dat men er den lof van verkon- E
à digde op den predikstoel in de kapel der Ã
= religieuzen van de Moeder Gods van Lam- |
à bersart, op den dag dat de Goddelijke Dienst =
à voor haar verricht werd. |
E O, wat is het goed te sterven na eene E_
= ware godsvrucht gehad te hebben tot Onze |
§ Lieve Vrouw van het Heilig Hart! ?
g- i =
=
n- E
't- 1
ct |
n- ë
'ij |
n- =
oo |
n. ë
o- Ã
ne ë
et Ã
P» 1
ar =
I
ld =
er =
2) i
en =
ië Ã
d- 1
te =
-ï. |
.at Ã
zij 1
iet e
ile Ã
r
DERTIGSTE DAG.
O. L. Vrouw van het H. Hart,
de Voorspreekster in moeilijke en
hopelooze aangelegenheden.
Hij heeft tegen hoop op hoop geloofd. (Rom. IV. 18.)
I.
HOOP DER
WAT RETEEKEM' DE TITEL HOPELOOZEN.
[IJ beteekent het grenzelooze vertrouwen dat wij op 0 L. Vrouw van het H. Hart stellen.... Van het begin af van haar bestaan heeft de Vereeniging, die onder hare bescherming tot stand is gekomen, zich als doel voorgesteld, haaide moeilijke en hopelooze aangelegenheden aan te bevelen, zonder eene
â lllllllliiiiimiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiimiiiniiMMiiiii
1 272
imiiiimiuiiiimi
iiiiiiiiimiiiiiiiimi
iiiifiiiinfimyminiiiminmnimiMiiimiiiiiiimimmmmiiiiMiMmimiiniiiiiiiiiiniiiuTiiiinr
I enkele, zoowel in de geestelijke als in |
| de tijdelijke orde, er van uit te zon- i
i deren. |
| Maria is inderdaad de Hoop van 1
| personenenaangelegenheden,waaraan |
| men menschelijker wijze moet wan- 1
i hopen : Spes desperandorum, zegt de |
| H. Ephrem. Wij kunnen haar dus de 1
| zaligheid dergenen toevertrouwen, die |
| het meest gevaar loopen verloren te 1
| gaan, en den goeden uitslag van die |
| aangelegenheden waaraan de meeste 1
i moeilijkheden verbonden zijn... |
| Maria is bovendien nog de Hoop van 1
| hen die geene hoop meer hebben ; |
| Spes desperantium. Dus in de ure van 1
| den strijd en der beproeving, als onze 1
| ziel op het punt is den moed te ver- 1
| liezen, dan moeten wij tot Maria onze 1
| toevlucht nemen, en men moet de i
| zielen, die in dezen noodlottigen staat |
| verkeeren tot haar voeren. i
| Eindelijk is zij de Hoop van degenen |
| die, al ware het ook sedert jaren, het 1
| ongeluk hebben als goddeloozen en |
| wanhopenden te leven; Spes despera- 1
| torum____Wat is het getal van dezul- |
â iiutfiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiinniiiiii»
1 273 18 1
iiiiiiiiTiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiniiiiiimiiiii
I ken tegenwoordig groot! Er is intus- 1
= schen hoop voor hen, als men er in |
1 slagen kan, eenige godsvrucht tot |
| Maria in hen op te quot;weliken. |
i Maar, zeggen de H. Vaders, voor |
1 hen is het minst te hopen, die de H. |
1 Maagd niet willen vereeren, die haar |
l beleedigen door anderen van de liefde |
I tot haar af te trekken ; welnu ! voor |
1 hen zelfs kunnen wij door de gebeden, |
1 die wij tot Maria stieren, de bijna |
i onmogelijke genade der bekeering ver- |
i werven, want 0. L. Vrouw van het |
| H. Hart is de Hoop der meest wan- |
| hopenden, Spes desperalissimorum... |
1 II. |
1 HOE IS O. L. VROUW VAN HUT H. HART DE |
| HOOP DER HOPELOOZEN ? |
1 Zij is het, omdat haar titel van |
| Moeder Gods haar het grootste ver- |
i mogen geeft op het Hart van haren =
| Goddelijken Zoon, die de bron van |
I alle genaden is ; zij kan dat Hart naar |
| welgevallen openen, om er over het |
1 menschdom te doen uitstroomen al de |.
1 274 1
liiiiniiiJiiJiiiiiiiJiiiJiiiiiiniiiiiiiiiiijjiiiiijiiiijiiijijiiiiiiiiiijiiiiiiiiiiiiiiHjiiiiiiiijiiiiit
= schatten van liefde en barmhartigheid. |
= van licht en zaligheid, die er in zijn 1
i opgesloten... Wat mogen wij haar |
I alzoo niet vragen ? Wat kan zij niet 1
[ verwerven ? Wélke macht 1 roept de i
| H. Bonaventura uit, als hij het moe- 1
\ derlijk gezag beschouwt, dat O. L. |
i Vrouw op Jezus uitoefende, « de Heer 1
| is met u ; gij zijt almachtig met Hem, |
è almachtig bij Hem...»
i «Jezus zal altijd de Zoon van Maria 1
I zijn (1) en Maria zal altijd do Moeder i
j van Jezus blijven, en het H. Hart der 1
! Moeder Gods zal eeuwig eene onuit- |
1 sprekelijke macht op het Hart van i
I haren Zoon Jezus uitoefenen.» i
| III. i
| TOEPASSING. 1
1 Kinderen van O. L. Vrouw van het |
| H. Hart, helpen wij onze Moeder in 1
| de zending, die zij in onze ongeluk- |
| kige eeuw te vervullen heeft. Wij 1
= moeten in de harten, die wij weten i
= dat het meest beproefd worden en het 1
| (1) Pater Eudes. |
§ 275 1
«iiiniimimimmiiiiiMiiiMmmniiiMiiimmiiiminimmiimiMimiiMiiniMiiiMimi
I -wanhopigst zijn, een heilig vertrouwen 1
| op haren machtigen en altijddurenden |
1 bijstand inboezemen. Heeft Onze Heer, i
1 toen Hij het woord tot de Gelukzalige |
1 Margareta Maria richtte, kunnen zeg- 1
| gen : «Ik beloof u, dat u geene hulp |
1 zal ontbreken clan ah het mijn Hart 1
| aan macht ontbreekt, » (1) wat moet |
| Hij dan niet tot zijne Moeder zeggen ? |
1 En wat zal O. L. Vrouw van het H. |
| Hart, in het bezit van zulk eene macht, =
| niet voor hare kinderen doen ?.. |
| Oefening. Besteden wij al onzen |
1 ijver om van de verhardste zondaars |
| te verkrijgen, dat zij ten minste eene |
1 medallie van O. L. Vrouw van het H. 1
1 Hart dragen. |
| Schietgebed. O. L. Vrouw van het |
i H. Hart, Hoop der hopeloozen, bid |
i voor ons. i
(1) Geluhz. Margareta, II. 29.
â lllllinillumiiililiimiilliniiiilimiiiniiiiiiiiiniiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiHiiiiirTiiiii i quot;'quot;quot;i1
= 276 I | S
iiiiiMiKin gt;i»iilt;»|illllllllllimiimillllimillllquot;lllquot;lllm|gt;|gt;||gt;gt;igt;quot;lt;gt;gt;lt;gt;lt;gt;gt;quot;igt;iiigt;iiiniiiiiiiiiiuiiiiigt;
| GESCHIEDENIS. |
i Gij hebt den ijverigen priester mvs Zoons ï
| in zijn ouderdom genezen, |
= o Onze Lieve Vrouw van het H. Hart. i
= Robersart, (Nord) 8 Dec. i883. i
| Zeereerw. Pater, |
| Het is meer dan twee maanden geleden, |
= dat men u, uit de parochie van Robersart in i
i het diocees van Kamerijk het bericht zond, =
| dat de pastoor dier plaats, een grijsaard =
l van 82 jaren, meer dan zes maanden ziek |
= was, en dat zijne zwakte van lichaam en |
E geest hem buiten staat stelde om een enkele i
i handeling der heilige bedieningte verrichten, =
= vooral om het altaar te beklimmen, aan het- =
I welk hij den laatsten keer, dat hij het geluk |
à hadgehad de heilige Geheimen op te dragen, |
E in onmacht was gevallen. In deze droevige =
E omstandigheid, kwam men op de gedachte, |
S naar Issoudun te schrijven, en onze groote =
E en machtige L. Vrouw van het Heilig Hart, |
I die in uw heiligdom vereerd wordt, en die |
E men nooit te vergeefs aanroept, zelfs niet in =
E de meest hopelooze aangelegenheden, om |
E hare voorspraak ten gunste van den zieke te |
E verzoeken. =
I De verstandige behandeling van een be- |
E roemd geneesheer, de liefdevolle bemoedi- |
I gingen van een groot getal vrienden, de |
iiiiKiiimiiimmiiiiiimiiiiiliiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiii
1 277 1
Tf
iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiMiiiiiiniiiuiiiiiiituiiii
= vertroostingen en de zegen aan den lijder =
§ door den grootmoedigen aartsbisschop van i
= Kamerijk gegeven, die hem in een eigen- l
| handig geschreven brief de kostbaarste =
= gunsten mededeelde, niets kon den toestand Ã
à veranderen van hem in wien men zoo veel =
= belang stelde ; hij ging voortdurend achter- =
à uit en zijn doodvonnis was uitgesproken, :
= Maar, o wonder ! van het oogenblik af \
= dat uw antwoord is aangekomen, verandert E
à eensklaps de toestand van den zieke, zoowel =
= wat de gezondheid zijns lichaams als zijne \
à verstandelijke vermogens betreft: de verloren :
à eetlust en slaap keeren terug; de doodelijke Ã
à verveling, de drukkende droefheid, de E
à akelige denkbeelden verdwijnen, de betrek- E
à kingen met menschenen zaken worden weder Ã
à aangeknoopt; de oefeningen van godsvrucht E
à en der heilige bediening Worden met vreugde ê
à hernomen ; en toen de klok voor de eerste \
à Mis van dankzegging voor zooveel weldaden :
! Ã luidde, was de verwondering algemeen, j
à en de éénstemmige en als instinktmatige
à kreet deed zich hooren: cc Hier is Gods = 1
à macht tusschenbeide gekomen ! Dit is een |
| wonder van O. L. Vrouw van het H. Hart, =
| die de toevlucht en de troost der bedrukten =
à is! Ã
| Op de lange en droevige smarten is ein- =
à delijk de rust en de gezondheid gevolgd, | !
à en nooit zal de dankbaarheid de weldaad :
à kunnen evenaren; nog eens te meer zalmen j
à dus met waarheid deze godspraak mogen j
| herhalen: cc Op u, o Heer, heb ik mijne ;
uiiiiniijiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiinniiiiuiiii
⢠= 278
{niimiiiMtititmiiiiimiiimMiiiiiimitimmmmiiiMimiiiiiimuimiimiiiiiiMimiiiiii
I hoop gesteld en ik ben in mijne verwach- |
i ting niet bedrogen. |
| En tot aanvulling voegen wij dit woord |
= van den honigvloeienden en tot de H. Maagd 1
i zoo godvruchtigen Kerkleeraar, den H. =
| Barnardus, er bij: «Neen, nog nooit is het i
= gehoord, o medelijdende Maagd,dat gij hem |
| verlaten hebt, die tot u zijne toevlucht ge- i
S nomen, uwe hulp afgesmeekt en uwen bij- |
| stand gevraagd heeft.
= Ik ben die arme genezen pastoor, en ik i
= acht mij gelukkig u mijne dankbetuigingen =
H toe te zenden, waaraan de volgende regels, =
= die ik zoo even van onzen godvruchtigen |
| Aartsbisschop ontvang, voorzeker de groot- =
= ste waarde zullen geven : |
| «Naar mijn oordeel kan de openbaar- =
= making van het verhaal uwer genezing, die i
i inderdaad buitengewoon is om hare oogen- |
1 blikkelijkheid, niet anders dan nut stichten. =
| f Alfred, Aartsbisschop van |
| Kamerijk.» i
| Ontvang, ZEerw. Pater, de hulde der |
= eerbiedigste en toegenegenste gevoelens in §
i Jezus en Maria van uwen ootm. dienaar, 1
= Jozef Baligard, Pastoor, i
z Onderdeken. |
I i
tiimliiiiimnuiiiiimiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiimmiimiiitmiiiiiiiTiiiiir
1 279 1 quot;
EEN EN DERTIGSTE DAG,
Jaarleest van Onze Lieve Vrouw van het H. Hart.
Mijn zoon, geef mij uw hart. (Prov. XXIII. 26}.
1.
DIT FEEST VERSCHAFT AAN' MARIA EENE NIEUWE GLORIE.
I EZE is de dag, die jaarlijks op eene bijzondere wijze aan O. L. Vrouw van het H. Hart I wordt toegewijd om haai' te vereeren I en haar onze smeekingen aan te bie-I den. Als wij Mgr den Aartsbisschop I van Bourges zijne welsprekende woor-I den ontleenen, dan kunnen wij zeggen; I dat in de taal der Kerk, Vrouwe, I in het latijn Domina, Opperste Mees-ï teres, Koningin vnl zeggen. Aldus
â¢iiiiiiKiiiiiiiiimimiiimimiimii
miimimmmMimmiimimmimiiimiiii 280 1
limn tun: iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiimiiiiiimiiiiiiiimmiiiiniiimiiiiiiiiïiiii»
I hebben het onze voorvaderen in hun- i | ne eenvoudige volkstaal vertolkt. | Elk kind van Maria kan hierdoor | | gemakkelijk begrijpen, dat O. L. 1 | Vrouw van het H. Hart dus onze 1 1 Meesteres, onze onvergelijkelijke Ko- 1 | ningin en onze machtigste Voorspreek- ï | ster bij het Hart van Jezus is. Zij 1 | oefent als Moeder eene onuitspreke- i | lijke macht op dat Goddelijk Hart uit. i | Ons verder van de woorden van i | onzen Doorl. Aartsbisschop bedienen- | | de, zeggen wij dat icj geenszins de i | bedoeling hebben aan Maria op het | | Hart van haren Zoon eene volstrekte, 1 | algemeens,NOODZAKELIJKE macht | | toe te schrijven, die noch vereenigbaar 1 | zou zijn met hare hoedanigheid van \ | schepsel, noch met de waardigheid I 1 van haren Goddebjhen Zoon, en bij- | | gevolg ook niet met de uitspraken \ | der heilige godgeleerdheid ; to ij be- 1 | iceren slechts dat zij is EENE SMEE- 1 = KENDE ALMACHT, zooals de heilige | | kerkleeraars haar noemen. OMNI- 1 i POTENTIA SUPPLEX, waaraan | | Onze Heer niets loeigert, en waardoor |
â iiiijiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiïiiiii»
1 281 i
ââ
«iiiiimiiiiiiimimiiiiimnmimiiiimiimiimiiminimiiiiiiiiiiiimmiiiimiiiiiniiiii
_ ~
| Maria op het Hart van Jezus eenen 1
| onuitsprekelijken invloed uitoefent, |
| loellts bestaan men evenmin als des- 1
| zelfs uitgestrektheid en r/egrondheid |
1 ontkennen kan.» (1) i
i Wij voegen er met den Doorl. Bis- |
| schop van Poitiers nog bij : «Het aan- |
| roepen van Maria onder den titel van i
i O. L. Vrouw van het H. Hart zal een \
i der schoonste bloemen zijn uit de eere- \
I kroon, die door onzen tijd aan de Moe- \
i der Gods is aangeboden. (2) \
I Ir- 1
| DIT FEEST VEREBNIGT AL DE LEDEN DER [
1 AARTSBROEDERSCHAP AAN DE VOETEN =
I VAN MARIA. \
1 0. L. Vrouw van het H. Hart heeft i
| haren troon in het hoogste der Heme- j
i len, maar op aarde heeft zij hare ver- \
| eerde heiligdommen, waar zij ons i
= (i) Mandement van Mgr den Aartsbisschop van :
= Bourges bij gelegenheid van de kroning van het =
E beeld van O. L. Vrouw van het H. Hart.
§ (2) Leerrede van Mgr den Bisschop van Poitiers :
= voor de kroning van het beeld van O. L. Vrouw van E
l het H. Hart. :
«iiiiiniiiiimmiMiitimmmimiiiimiimiiMiimiitmmiMiiiimmiimmmiiiimimi
1 282 ï
iiiiiriiiii|iliiiHitiiiiiiiiiiiiimmfimmmiiiiiiiMiimimiimiiifiiinnmimimiiitiiitiiiminiiiiii
I vandaag óf metterdaad óf in den geest i
| te zamen roept, o. a. het heiligdom 1
| van Issoudun. Daar op die gezegende |
| bedevaartplaats is de bakermat dezer 1
| dierbare godsvrucht, het eerste altaar, i
| ter eere van O. L. Vrouw van het II. 1
1 Hart opgericht, en de plaats van bij- |
| eenkomst van al de zielen, die heden, 1
| in meer dan drieduizend heiligdommen, 1
| opgericht in de vijf werelddeelen, |
| Maria onder dezen schoonen titel ver- =
| eeren. Vereenigen wij onze gebeden, |
| onze meeningen en onze eerbewijzen |
| met de godvruchtige geloovigen, die |
i vandaag een zoo gelukkigen pelgrims- 1
| tocht hebben kunnen maken. Welk een |
| troost voor ons te kunnen denken, dat i
| al de Leden dor Aartsbroederschap |
| slechts één huisgezin uitmaken, en dat 1
| zij mogen hopen aan de genaden, die |
| vandaag door do voorspraak van O. L. 1
| Vrouw van het H. Hart worden ver- |
| kregen, deelachtig te worden. 1
IIIIIIJIIII llquot;lUlill»llquot;llilllIllMIIIIIIIIIMilllUIIIIIIIIIII||illlllllllllllllllUIIIIIUIIIIilllllllllTllllll
283
iiiiiiiTiiiiimiiiiiMiiiuiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiis.
I in.
1 DIT FEEST IS EENE GOEDE VOORBEREIDING i
| VOOR DE MAAND VAN HET H. HART
| VAN JEZUS.
| De maand van Maria is op liet punt
| van te eindigen ; die van het H. Hart
| gaat beginnen. De 31 Mei, die als het
1 vereenigingspunt is tusschen deze bei-
| de maanden, is tot jaarfeest van O. L.
1 Vrouw van het H. Hart uitgekozen.
| Wie anders dan de Allerheiligste
i Maagd Maria zou beter voor ons tot
| het Hart van haren Goddelijken Zoon
1 kunnen spreken ? Door hare voor-
1 spraak heeft de H. Franciscus van
1 Sales, volgens de getuigenis der Ge-
i lukzalige Margareta Maria, in den
1 Hemel de gunst verkregen, dat de
1 godsvrucht tot het H. Hart in de orde
1 der Visitatie begon en gevestigd
| werd. (1) Door ditzelfde middel zal de
1 genade van Jezus' Hart ook over ons
i komen.
1 (1) Geluhz. Marg., Paray, II. 107. =
IIIIIIlTlllllllllllll llllillllllil l llll IIMIIIIIII llll III lllllilllll III II i 11 i 11 III I UI i J11 III 111 lllllHJllrtlji
1 284 [
quot;A1quot;* llltlTllll IMIII'tl 1111M IIM111 III IIIIIIIIIM tl 11IIIIIMIIIMII111 III 1111MIII11IIIIM II111 III 11 IMIIIIIIl
j «Eene heilige religieuze, aldus ver- I
\ haalt de Gelukzalige, toas bedroefd, |
ë dat zij in niets nuttig kon zijn aan |
[ het H Hart; maar Jamp;zus wees haar |
= heure bediening aan : Hij maakte 1
| haar zijne middelares hij den Eeuwi- |
i gen Vader om Hem te vragen, het II. 1
1 Hort tedoen hennen; bij den H. Geest, |
i om Het te doen beminnen, en bij de i
1 ALLERHEILIGSTE MAAGD, OM 1
1 AL HAAR VERMOGEN TE GE- =
1 BRUIKEN, OPDAT HET AAN AL- 1
1 LEN, DIE ZICH AAN HETZELVE 1
i ZULLEN AANBEVELEN, DE UIT- 1
i quot;WERKSELEN ZIJNER MACHT I | ZOU DOEN GEVOELEN. (1)
| Laten wij dus, om in den geest van |
| dit feest te treden, ons heden opnieuw |
i aan O. L. Vrouw van het H. Hart |
1 opdragen, opdat zij zelve ons aan het | I Hart van Jezus toewijde.
| Oefening. Met de meest mogelijke |
| godsvrucht onze opdracht aan O. L. 1 1 Vrouw van liet H. Hart doen.
| (1) Gdukz. Marg., Paray, II, 86. =
'riiriititiiiiiimfffMiitiiiiiiiiiiimmiimMiiiMiimiiiimiiiiiriiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiM»
1 285 1
imiKiiiMiiiiumimiiiiiiiiMiiiiiimimiiiiiMiiMiiiiiiinmmiiniiMiiimiiiiiiiiii
Schietgebed. O. L. Vrouw van het |
H. Hart, voorbeeld en patrones van al ï
de kinderen van liet H. Hart van Jezus, |
bid voor ons. 1
| GESCHIEDENIS. |
= T)c Eerervacht van Onze Lieve Vrouw i
. | van het II. Hart. |
= Een Zelateur schrijft ons het volgende: =
E Baillccul, 24 April 1888. =
= « Ik ben gelukkig u het beknopte verslag =
E eener plechtigheid mede te deelen, die Ã
= gansch vervuld is van bekoorlijkheid en E
I stichting voor de godvruchtigen tot O. L. =
E Vrouw van het II. Hart. E
= In de kleine parochie van Baillceul (Door- E
E nik), heeft Mijnheer Pastoor Detournay, |
à een jaar en 10 maanden geleden, kanoniek E
à eene Broederschap van O. L. Vrouw van |
l het Heilig Hart doen oprichten, die door E
à hare opname in de Algemeene Aartsbroeder- =
E schap van Rome en Issoudun, al de voor- |
à rechten geniet, aan de hoofdvereeniging E
E toegestaan. In dezen oogenblik telt zij 415 =
à inschrijvingen zoowel van binnen als buiten E
§ de plaats. Ã
E De ijver van den pastoor voor de geeste- |
à lijke belangen zijner dierbare jeugd heeft E
iiimiiiiiiimmimiiiimmiiiiiiiiiiiMiiimimmiiminiiiMMimmmiimiiMiiniiniiiit
1 28G 1
iiimiiimimmiimiimiiiiiiiiiiimMimiimimmimiiiimmiiiimimiiii hem het gedacht ingegeven in de Broederschap, zelve, met de hooge goedkeuringen de aanmoediging van zijnen Bisschop, eene bijzondere afdeelingte vormen, aangeworven onder de jonge meisjes, die dit jaar en de vorige jaren hare eerste H. Communie hadden gedaan, waarmede hij ten doel heeft de volharding na de eerste Communie; hij heeft den titel er aan gegeven van « de Kerewacht van O. L. Vrouw van het H. Hart, » en het kon niet anders of deze treffende benaming, die zoo nieuw en zoo eenvoudig is, moest het belangrijke deel der familie van O. L. Vrouw van het Heilig Hart het grootste belang inboezemen. En inderdaad, de aanvragen tot opname stroomden toe en de plechtigheid der oprichting werd bepaald op Zondag, 22 April.
Wat waren zij schoon onder hare witte livrei, zinnebeeld der onschuld, die godvruchtige schaar van jonge meisjes te zamen vereenigd in de kapel der Allerheiligste Maagd op het uur van het namiddag olTicie; verrukkelijk vooral om te zien waren die onschuldige voorhoofden, waarop als een straalkrans van trots schitterde over de zending, waarmede zij bekleed werden.
Ook heilig trotsch was de herder, die aan zijnen Eerw. Heer Deken dit uitgelezene gedeelte der kudde ging aanbieden, die geroepen was om de kostbare en vruchtbare kiem te vormen van het werk, zoo bijzonder dierbaar aan zijne priesterlijke ziel; bewogen en als begeesterd was de talrijke menigte,
iiiiiiiiiiimiiiiimiiiiiimiiiiiiimiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiii
287
iiiiniTiiiMiiiMMiiiMimiiMiiiiiiiiiMiNimiiimmiMiiiMiinimMinitmMminiiiiiiiïiiiii
I ingetogen voor dit nieuwe schouwspel, dat |
1 het beeld van O. L. Vrouw van het H. Hart, =
| ten allen tijde zoo schoon, zoo zoet, met =
= meer genegenheid op dit uur scheen toe te |
| lachen. :
= Toen de zang der vespers was geëindigd, =
1 begaf zich de Ãerw. Heer Deken van Tem- =
| pleuve, bijgestaan door verscheidene pries- |
= ters van het kanton, naar het heiligdom, |
| onder het blijde gezang van den Laudatc i
= pueri Dominum, » om er de opdracht der |
à jonge deelgenooten te ontvangen. Het for- =
| muiier, voor die gelegenheid opgesteld, |
i werd duidelijk uitgesproken en godvruchtig =
| aanhoord. Doch er moest nog eene per- i
i soonlijke bekrachtiging van die gezamenlijke |
| toewijding plaats hebben. Treffend schouw- i
| spel! De priester staat daar recht in al den =
à luister zijner bediening, en het is tusschen |
| zijne handen dat eerst elkeen der Medezusters i
1 Zelatricen, met den titel van beschermster |
| der jeugdige familie, en vervolgens elk der |
= kinderen hare verbintenis kwamen bekrach- =
| tigen, en hiervoor de onderscheidingsteeke- | =
= nen ontvangen van hare dienstbaarheid =
i onder het vaandel van Onze Lieve Vrouw i |
| van het H. Hart:» Aldus wijd ik mij toe | =
i aan Onze Lieve Vrouw van het H. Hartin =
| hare Eerewacht. » | i
| Mijnheer de Pastoor van de parochie van =
1 Ramegnies-Chin, niet ver van Bailloeul ge- i =
1 legen, is de tolk dezer zoete verwachtingen |
= geweest. Hij heeft over deze woorden van i |
| het 3quot; Boek der Koningen « Beati viri tui, | |
1 288 Ã ' 1
Illinilllllllllll 11 III tl llll 111 III! till III! 111111111II1111 MM III 111111 III!) I i I! 111! II111IIIIIIIII lllllllt
et beati servi tui, qui stant coram te semper, H
et audiunt sapientiam tnain,» cenc leerdame i
en schitterende rede uitgesproken, waarin =
hij de Eerewacht bij het Hof van de Konin- i
gin des Hemels vergelijkende, op eene bij- |
zonder belangrijke wijze het doe! en de =
verplichtingen der nieuwe afdeeling, alsook |
de beloften van geestelijken voorspoed die |
haar verzekerd zijn, heeft uiteengezet. =
Na den zegen met het Allerh, Sacrament |
werd met een éénstemmig gelegenheidslied i
dit zoo bij uitstek familiefeest besloten; de | ^
heilzame indrukken, wij twijfelen er met i
aan, zullen gegrifd blijven in al degenen die i
het voorrecht hebben gehad er de geluk- |
kige getuigen van te zijn. |
Moge het voorbeeld van Baillceul overal |
vele navolgers vinden !! » 1
Hart.
I =
Een Zelateur
van O. L. Vrouw van H.
(Vlaamsche Annalen)
i
S I
iiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiirriiiiiii 1 289 19 i
iiiiiiiTiiiiiiiiiiiiililliiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiijiiiiiiiiiiiinjiiit
Aanhangsel
VAN
GEBEDEN
i1111111111111 ii in 111111111111 ii 11111 ii i ut in i ii i inn ii i niiiii in ii 111 iiiii ii i iiiiijiiiii 11 iimr
1 291 1
m
ACTE VAN TOEWIJDING
AAN
I Onze Lieve Vrouw van liel ii. Ilarl. I
| NZE LieveVrouw van het H.Hart, | =
Moeder der Barmhartigheid, f i i
Deur des Hemels, Uitdeelsterdcr i ] =
i. Gaven Gods, ik werp mij :ian uwe voeten |
| neder. = J |
= Daar Gij, o hoogverhevene Maagd, als i
| Schatmeesteres van Jezus' Hart, de toe- | j |
| vlucht zijt der zondaren, de troosteres der i
| bedrukten, de behoudenis van allen, wil |
| ook mijne troosteres, mijne toevlucht, 1 |
1 mijne behoudenis zijn. Men noemt u het |
| betrouwen der rechtvaardigen, de Hoop = quot;
1 der hopeloozen, de kracht der zwakken, ;
| de vrede der ontstelde gemoederen; daar- i |
| om, o Onze Lieve Vrouw van het Heilig |
i Hart, wend ik mijne smeekende blikken i |
lllllllillliiiliiiiiniiiiniiiiiiiiiiMiiiiiimMiiimminmiiiMiminiimimiiinmiilluïmii' quot;quot;quot;quot;lm
292
liMiiiiiiimiiimMiiimiimiimimiimmmmmiiniMiimiiMMitmmiimiiiMiiiimnimiJ
| tot u, en stel mij nu en voor altijd onder |
| uwe machiige en moederlijke bescher- 1
i ming. Ik wijd heden mijn geest-met al i '
i zijne gedachten, mijn hart met al zijne |
| genegenheden, kortom geheel mij zeiven |
i aan u toe. i
| 0, mijne zoete Moeder, kom mij te hulp, |
= weer de listen en lagen des duivels van i
i mij af; maak dat ik op aarde God boven- |
| al beminne, Hem getrouw diene, en het i
= geluk hebbe van in zijne heilige liefde te i
| sterven, en hierna eeuwig met u te i
= heerschen in zijne glorie. Amen. |
iuliiiiir|llll|»;Lgt;iiuiiiiiiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiniiiiiiitMiiniiiititiitiniiiiiiiniiiiiii
1 293 1
iiiiiiiJiiiiiiiiiiMiiiiiiniiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
i rgsw
LITANIE
= VAN
i quot;1|NZE JlEYE f^ROUW VAN HET 0EIL1G §ART. = (vooi- eigen gebruik).
EER, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer. | 1 Heer, ontferm U onzer.
| Christus, hoor ons. |
1 Christus, verhoor ons. ï
| GodHemelscheVader,ontfermUonzer. |
i God Zoon, Verlosser der wereld, ont- ï
| ferm U onzer. |
1 God Heilige Geest, ontferm U onzer. ï
| Heilige Drievuldigheid, één God, ont- |
| ferm U onzer. |
| ⢠Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, | i bid voor ons.
-iiiiiirmiiiiiiimiimiiiiiuiiiiiiiiiiiiiniimiimiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiniiiii,
ï 294 1
O. L. Vrouw van liet H. Hart. Konin gin des vredes en der goedertieren heid, bid voor ons.
Uitdeelster van Gods gaven, Veroveraarster der harten,
Aioeder van barmhartigheid, -g Moeder der Goddelijke genade,
Zoet geschenk des Hemels, ^ Opperste Weldoenster, S Onvergelijkelijke Schatmeeste-£3 res,
-g Hoogverhevene Middelares, 2 -s Veilige toevlucht in alle gevaren, ^ § Bijstand der hulpeloozen, o
r Aloeder der weezen en verlate- ° S nen, o
2 Hoop der hopeloozen, p
^ Door alle geslachten geprezen, gt; Gij, wier liefelijkheid de zoet-^ heid des honigs te boven gaat, 0 Gij, wier gebed de Almachtige S altijd verhoort,
O Gezegende aarde die de vrucht des levens hebt voortgebracht, Vlekkelooze lelie wier geur het
heelal verkwikt.
Geheimvolle bron,
iiiimiiiiiiiimiimiiiimiimmiimiiiiiiiiimii
295
tiiiiijTimuuuimniimmiMimMiiimiiiiiiimmMiiniiiiiMiiliiimiiiiuuiMiiiimnilliii
1 0. L. Vrouw van het H. Hart, zekere |
| schuilplaats tegen alle gevaren der |
ï wereld, bid voor ons. |
i O. L. Vrouw van het H. Hart, Gij, 1
1 die het zuiverste en beminnelijkste |
| aller schepselen zijt, bid voor ons. |
I Gewaardig u onzen lof te aanvaarden, |
i en onze smeekingen te verhooren, i
I o Onze Lieve Vrouw van het Heilig i
| Hart. quot; |
1 Dat de hemel u vereere, |
i Dat de aarde uwe weldaden ver-
O =
kondige,
| Dat de jeugd onder uwen maagde- ïr1 1
1 lijken mantel schuile, ^ |
| Dat de moeders u hare huisgezin- g |
1 nen aanbevelen, 5 1
| Dat de grijsaards u aanroepen en ^ =
i zegenen, S |
| Bekeer de versteendste zondaars, -- =
1 Overwin de ongevoeligheid onzer S- |
| harten, H i
1 Doe tranen van berouw uit onze ' |
| oogen vloeien, sT |
1 Wees onze wapenrusting als Satan r- |
| ons komt bestrijden. |
= Gewaardig u ons te helpen in het |
'«tlllllMllllllllllllllllllllllllllillllllllllllMlllllllllllllinilltlllllllllllllMIIIIIIIIIIIIIIIIIIMIIII
1 296 1
rayiinii iiiiiiniiiiiiiiMimiiiimiiimmmiiiiiimiiiimiiiiimmiiiiiiiiiiiiiiimtmiiiiiiiiiiTiiiiii»
1 heiligen onzer kwellingen,
| Gewaardig u onze werken te zege- 1
| nen en vruchtbaar te maken, |
| Gewaardig u ons overal onder uw 1
| schild te hoeden, |
| Gedoog niet dat wij, wanneer wij 1
| in zonde gevallen zijn, u ooit
| vergeten,
| Laat u door onze wonden, onze ge-
| varen en onze ellenden tot mede-
| lijden bewegen,
1 Moge uwe goedheid ons in uwe
| armen eene toevlucht aanbieden, ^ |
1 Moge uwe barmhartigheid onze g 1
| misstappen bedekken, |
| Moge uwe teederheid ons nimmer S- 1
| verlaten, K I
1 Moge uwe nederigheid over onzen L |
| hoogmoed zegevieren, g |
1 Moge uwe liefde ons tot het Hart ^ 1
| van Jezus geleiden,
| Moge uw gebed ons bijstaan in |
| ons sterfuur, |
| Moge uwe bescherming ons verdedi- 1
| gen' voor den rechterstoel van |
1 God, 1
| Bewaar onzen Heiligen Vader den |
iiiiiniiiiiiiiiiiniimiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiigt;
à 207 1 â
iiiiiiuniiMiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiunmii)
2 ⢠=
I Paus-Koning, 0 |
i Behoud liet geloof in ons vader- q |
| land dat U lief heeft, _ 1
1 Bestier de Bisschoppen en de prie- â |
| sters op de wegen der heiligheid, lt;! |
1 Bescherm het katholiek Europa â¢quot; |
| tegen de pogingen der goddeloos- p |
1 heid, |
| Breng de ketters en schismatieken g. |
1 tot de Kerk van Christus weder, ^ i
1 Doe voor de oogen der ongeloovigen ' |
1 het licht van het Evangelie schit- |
| teren, .3- 1
1 Lam Gods, dat de zonden der wereld |
| wegneemt, spaar ons. Heer. |
1 Lam Gods, dat de zonden der wereld |
| wegneemt, verhoor ons. Heer.
1 Lam Gods, dat de zonden der wereld |
| wegneemt, ontferm U onzer. 1
1 Christus, hoor ons. |
| Christus, verhoor ons. 1
1 y. Bid voor ons, o machtige en on- |
| overwinnelijke Maagd, Onze Lieve f
i Vrouw van het Heilig Hart. |
| n. Opdat wij door u, verhevene |
1 Hoop der hopeloozen, de beloften van |
| Christus waardig worden.
«iiiimiiiiimiiimiiiiiiiiiiiiimmmi'iiimimiiitimiiimiiiiiiiiiitimiiiiiimiitiiiuiiiiiij
1 â 298
iiiiminI iimTimiiimiiiiiiiiiimiiiiiiMiiimmiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiuiniimiiiiiiiiiiiiiniiiiTiuiii
Laat ons bidden.
0 God, die om uwe barmhartigheid te doen zegepralen en onze zielen zalig te maken, U gewaardigd hebt aan de Onbevlekte Maagd Maria eene onuitsprekelijke macht op het Hart van Jezus te verleenen, geef ons, door hare gebeden en verdiensten, de genade van in uwe heilige liefde te leven en te sterven. Dit smoeken wij U, door denzelfden Jezus Christus, onzen Heer. Amen.
= = I Kleine Movene I
5 C_7gt;D vjXgt; r
| TER EERE VAN |
I 0, L, VROUW VAN HET H. HART. |
1 Vóór elke oefen i ng :
= Bemind pj overal het Heilig Hart van
| JCjiis!
= (100 dag. afl. eens per dag. Pius IX, 23 Sept. i860).
i On^e Lieve Vrouw van het Heilig Hart,
= bid voor ons.
z (100 dag. afl. eens per dag voor de leden der Aarts-
= broederschap. Pius IX, 26 Juni 1867).
i Heilige Jo^ef, Vriend van het Heilig
I Hart, bid voor ons !
5 (100 dag. afl. eens per dag. Pius IX, 3 Juni 1874).
iiiliinmiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiimmimiiiiiimmiMmiiiMiiiiimiimimiiimiiiiiiiiiiJimiJ
1 300 1
Iimillll J (III II^I 1111111111111111111111111111111111111M11111111111111111111111 III 111M 11 quot; 111 i 11111111111111| 1111 III
Na eike oefening
:= On^e Lieve Vrouw van het Heilig Hart, | bid voor ons ! Wees gegroet, enz, =
: On^e Lieve Vrouw van het Heilig Hart, |
| bid voor ons Wees gegroet, enz. |
| On^e Lieve Vrouw van het Heilig Hart, |
| bid voor ons ! Wees gegroet, enz. |
= On^e Lieve Vrouw van het Heilig Hart, |
i verleen mij..............|
1 (Noem hier de gunst, welke gij verzoekt.) |
EERSTE DAG.
De Boodschap des Engels,
| Het is op dezen dag, o Maria, dat God | | uit uw maagdelijk bloed het Hart van i i Jezus gevormd heeft. Dit Hart is uw i | schat. Gij kunt or door de goedheid van | = Jezus over beschikken ; gewaardig U = | zulks ten onzen gunste te doen. = Verzuchting. Onze Lieve Vrouw van 1 | het H. Hart, verwerf mij voor al de dagen i | mijns levens de overeenstemming met 1
H Gods wil. quot; =
| Voornemens. Ik wil aandachtig zijn 1
jj op de inspraken der genade en met Maria |
mnilllll iiiriiiiiiiiiMiiriMiiiMiiiiiiii
iiiiniii
iimimiiiimmimiMiiimi
301
TllllimnnimimiiniiMiiNiiiiniimiimiliNilllluuiliMnnnitnitiniiMiiimiiiliiiiiiiiiir
i zeggen : quot;Ziellier de dienstmaagd des i
| Heeren.» |
| Bet Gedenk, o O. L. V. van het H. Sart, =
i bidden, om de bijzondere genade te ver- |
| werven, welke men in deze novene vraagt. =
TWEEDE DAG.
| De Geboorte van Onzen Heer Jezus =
i Christus. =
1 De aarde bezit haren Verlosser! En Gij, =
1 o Maria, liebt Hem haar gegeven. Daar |
| Gij de Moeder van den Godmensch zijt, =
h hebt Gij eene onuitsprekelijke macht op i
| zijn Hart, en al de schatten die Het bevat, |
i hooren u toe. Arm en van alles ontbloot, i
1 komen wij tot U, en Gij zult ons met wel- |
| daden en goederen overladen. i
= , Yerzv.chting. Onze Lieve Vrouw van |
| het Heilig Hart, put voor mij uit die =
i overvloedige genadebron, die Gij door |
| uwe tusschenkomst in ons midden hebt i
i doen ontspringen. i
i Voornemens. Jezus komt op de aarde i
| om mijn voorbeeld te zijn. Naar het voor- i
1 beeld van Onze Lieve Vrouw van het H. =
i Hart wil ik Hem volgen en edelmoedig 1
f zijne voetstappen drukken. |
iiiiiiiïiiiimimiiiiiiiiiiiiiimmiiiimimiiimimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiimimiiliiiiir
1 302 1
iimiinn miiimiiiiiiniinndmiiMiimiMmitmtiiiimmiiiimmmiiiiiimiimiMiiiiMmiiiiiiiiii'
f DERDE DAG. 1
Opdracht van Jezus in den Tempel.
O Maria ! liet menschdom heeft een offer noodig, en dat offer kan geen ander dan uw Zoon zijn.... Waartoe zult gij nu besluiten ? O Gij luistert slechts naar uwe liefde voor ons ; gij offert Hem aan God op, en door die heldhaftige daad van liefde, beantwoordt gij aan de gevoelens van Jezus' Hart, dat op het innigst met U vereenigd is en immer zijn zal.
Yerzuchtitig. Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart, maak dat ik naar uw voorbeeld edelmoedig al de opofferingen doe, welke God van mij in den loop mijns levens zal vragen.
Yoornemens. Ik wil mij door de handen van Jlaria aan het H. Hart van Jezus opdragen en deze opdracht gedurende den dag dikwijls herhalen.
VIERDE DAG.
Maria en Jezus te Nazareth.
In uwe nederige woning te Nazareth, i
o Maria, oefent gij vooral uwe moe- i
derlijke macht op het Hart van Jezus |
iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiintiiiiininiMtiH)-
I! 111111111111111111 i I gt; 11111! 111 â !
miimtiiiiin
303
«mnüiimii^iMnniniiiiiiiniimimiiiiiimiiinmmiiiimminmminlMilmiiiiiniiiiu ifiiijiiin
| uit. Gij beveelt en Hij gehoorzaamt ; nog i
i meer : Hij voorkomt zelfs al uwe wen- |
i schen. O, wolk onuitsprekelijk geheim ! |
; Verzuchting. Onze Lieve Vrouw van i
= het H. Hart, wat is men gelukkig onder |
| uwe heerschappij! Ik stel mij daarom =
= voor altijd onder uwe machtige bescher- |
| ming. =
i . Yoornemens. Ik verklaar dat ik een =
1 kind van Maria ben. Dat zij met het Hart i
= van haren Goddelijken Zoon over mij |
I heersche ! =
VIJFDE DAG.
Maria op du Bruilokt te Cana. |
i O Maria, bij deze plechtige gelegen- |
i heid, toont Gij aan de wereld do macht, |
| die Gij op het Hart van uwen Zoon hebt. =
i Gij vraagt Hem een mirakel, en, ofschoon |
| zijn uur nog niet gekomen is, doet Hij het ï
= toch, om aan allen te toonen, dat ilij u |
i niets weiseren kan. =
- r
i Yerzuchting. Onze Lieve Vrouw van |
i hetH. Hart, leer mij met geduld de oogenr i
| blikken der Voorzienigheid afwachten, en i
i met een onbegrensd vertrouwen de gena- |
| den vragen, welke ik noodig heb, zelfs =
j dan wanneer alles verloren schijnt. i 'iiiiimmiiimiimMiimmimimmmiimmiiimmimmiiimmiiiimiiiimiiiiiiiiiiiiiii
1 304 1
imiiiinnmmiiiimmiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiiii,,,
Voornemens. Ik wil in al mijne noodwendigheden, bijzonder in mijn zielelij-den, mijne toevlucht tot Onze Lieve Vrouw van liet H. Hart nemen.
ZESDE DAG.
Maria bestijgt den Calvarieberg.
Indien uw Hart, o Maria, ooit met het Hart van uwen Goddelijken Zoon ver-eenigd was, dan is het zeker op dezen smartelijken dag ; want eene moeder bemint haar kind op het innigst, wanneer het onder het gewicht is van lijden, angst en verdriet. Gij deelt alzoo in het lijden van Jezus en verwerft ons daardoor een nieuw rechtop zijne liefde.
Verzuchting. Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, wees mijn steun in mijnen arbeid en mijne moeilijkheden , mijn troost in mijn lijden.
Voornemens. In de beproevingen dezes levens zal ik mij nooit van myne hemel-sche Moeder scheiden ; met Haar zal mijne zwakheid minder groot en mijn kruis minder zwaar zijn.
iiiiiiiiiiii ii mil mill m ui iiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiHii
305 20
iiJiiiiiiimiiiiiiiimiiiimiiiiMiiiiiiiiiiiiiimiiiii'iiiiiimiiiiiiiiiiiuiii
ZEVENDE DAG.
Maeia aan den voet des Kruises.
Gij staat onder het kruis, o Maria, waaraan uw Goddelijke Zoon sterft, en Gij ziet hoe de lans van den soldaat zijn H, Hart doorboort; en daar Gij moederlijke rechten op dit Goddelijk Hart hebt, zoo verzamelt gij de genaden die er uitvloeien, om ze ons in uwe teedere moederliefde mede te deelen.
'Verzuchting. Met U, Onze LieveVrouw van het H. Hart, vang ik den laatsten zucht van Jezus op, metU verberg ik mij in de heilige wonde van zijn Hart, wonde welke de liefde voor ons Hem heeft .toegebracht.
Voornemens. Ik-zal vandaag niets verzuimen, om de genade te verwerven, waarvan Onze Lieve Vrouw van het H. Hart de uitdeelster is ; ik zal dikwijls hare hulp afsmeeken.
ACHTSTE DAG.
Maria bij 's Heeren Verrijzenis.
Uw Goddelijke Zoon is verrezen, o Maria ; Gij kunt weder op zijne heilige
iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiciiiniiiiiiiiiiiiiiiiiii
300
iiniriiiiiii MiiiiniiiiiiiinitimiiiiiiiiiiMiiMmimtmiiiimmiimiiiimtiiMiuiiiiimiiiiimiiiimiiut
1 borst rusten en zijn GoddelijkHart voelen 1 | kloppen. Hij biedt u dit aanbiddelijk Hart 1
i aan ; Het is uw eigendom, en gij kunt i
| zeggen : Het behoort geheel aan mij, en |
| ik behoor geheel aan Hetzelve. i
| Yerzuchting. Onze Lieve Vrouw van i
| het H. Hart, ik wil eindelijk uit het graf |
= mijner lauwheid en onverschilligheid op- 1
i staan en voortaan een nieuw leven leiden, i
| Uit mij zeiven vermag ik niets, maar met 1
| uwen bijstand kan ik alles. O goede |
| Moeder, help mij ! |
1 Yoornemens. Ik wil tot een leven van =
| godsvrucht en ijver verrijzen. Ik zal even- 1
i als Onze LieveVrouw vaii het H. Hart tot 1
i Jezus gaan ; ik zal op zijne borst rusten, |
i en de gevoelens van zijn Goddelijk Hart 1
= zullen voortaan de mijne zijn. i
NEGENDE DAG.
ë Maria in den Hemel. |
i Uwe ballingschap hier op aarde is ge- |
| eindigd, o Maria, gij zijt nu voor altoos i
| met het Hart van uwen Goddelijken Zoon i
| vereenigd. Nu Gij in de glorie troont, |
i prijs ik U zoo gaarne als de Koningin 1
| des Hemels en der aarde. Koningin der |
| Engelen en der Heiligen, maar bijzonder |
'lilli'lllllllllillllllllllllllillllllllllllllllllllllliiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiihiijlllll»
1 . 307 1
1 als Onze Lieve Vrouw van het H. Hart =
| van Jezus. = I ^
| Verzuchting. Moge ik eenmaal bij U en =
i uwen Goddelijkcn Zoon zijn; o Onze Lieve |
| Vrouw van het H. Hart ! In uwe handen | 5 =
i beveel ik mijne ziel. Met U geloof, hoop =
= en bemin ik, om U eeuwig te beminnen, | ] i
| o zoete Moeder ! ill
i Voornemens. Ik zal alles voor den i
| Hemel, het ware Vaderland van den |
i christen, doen. Daar zal ik Onze Lieve i =
i Vrouw van het H. Hart in al den luister |
| harer heerlijkheid aantrefi'en.en met Haar | =
i aan het geluk van God zelf deelachtig = |
| worden. | ; |
3 i | E
i Wie eene meer uitgebreide verzameling van god- =
E vruchtige oefeningen ter eere van O. L. Vrouw van E E
E het H. Hart verlangt, kan dezelve vinden in het E =
E «Gebedenboekje (Virgo potensj, dat wij ten behoeve =
E van de Leden aer Algem. Aartsijroederschap hebben E E
E uitgegeven. = 1 E
= 308 lïi
^IISfiEISEOEI^.
Voorbereidend Gebed,
i EMELSCI1E Vader, ik bied U aan |
| (amp;quot; het oti'er, dat uw welbeminde Zoon =
= Jezus van zich zeiven bracht op het kruis, |
i en dat Hij thans op liet altaar hernieuwt : |
i ik bied het u aan in naam aller schepse- i
i len, tegelijk met de HH. Missen, die reeds |
| opgedragen zijn en over geheel de wereld i
| nog zullen worden opgedragen, ora U te |
1 aanliidden en U de verdiende eer te geven, =
| om U den verschuldigden dank te bren- i
= gen voor uwe tallooze weldaden, om uwen |
i toorn te bevredigen wegens onze talrijke i
| zonden, en U waardige voldoening te |
= schenken, om U te smeeken voor mij zei- =
| ven, voor de Kerk, voor geheel de wereld |
= en voor de geloovige Zielen in het Vage- §
§ vuur. (') ' i
§ Eenen aflaat van 3 jaren, eens per dag, =
= voor allen die ten minste met rouwmoedig hart god- =
5 vruchtig onder de H. Mis bovenstaand gebed zullen =
= bidden. . i
liiiiiiriiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiXiillii'
i 309 1
'â â iiiiiliiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiii
| In het bijzonder draag ik U dit H. Sacri- |
1 licie nog op ter eere van O. L. Vrouw van §
= het H. Hart, tot dankzegging voor al de i
| genadegunsten en heerlijkheden, welke |
§ Gij haar verleend hebt,tot vermeerdering =
| mijner kinderlijke liefde jegens Haar en |
1 om dezebijzonderegenade te verwerven... i
i [noem hier de verlangde genade afgunst) i
i om welke ik door de voorspraak dezer |
i mijne hemelsche Moeder U ootmoedig i
| smeek. |
= O. L. Vrouw van het H. Hart, verwerf |
| mij de genade van dit Goddelijk Offer |
| met dezelfde liefde bij te wonen, waarmede =
= uw Hart op den Calvarieberg onder het i
| Kruis vervuld was ; stort in mij dezelfde |
| aandacht en denzelfden liefdegloed,waar- =
ï mede gij bezield waart, zoo dikwijls Gij |
| na de Hemelvaart van uwen Jezus deze |
= H. Geheimen, door den H. Joannes opge- |
ï dragen, bijwoondet. |
Bij het Confiteor en Kyrië. |
. | O liefdevol Hart van Jezus, met 1
1 een rouwmoedig hart belijd ik voorU, |
| voor Maria, de toevlucht der zonda- 1
| ren,voor alle Engelen en Heiligen des |
| Hemels, dat ik mij uwe goedheid en |
| liefde onwaardig heb gemaakt door |
«iliiiTiiiiiiitiiMriiiiniiiiimmiiMiiiitmmiiuiiiimiiimiiiiiiiiiiiiiiimiimiiiiMiuiiiii|
* I 310 i
f
iiimimmiimimmiiiimiiMMiMmftMimmMMrmMiMmitMiMiiiiiit
tallooze zonden van gedachten, begeerten, woorden en werken. Vergeef mij mijne ondankbaarheid door uwe verdiensten en door de voorspraak van Maria, uwe en mijne Moeder, die zooveel met U voor mij geleden heeft.
O. L. Vrouw van het H. Hart, die eene onuitsprekelijke macht op het Hart van uwen Goddelijken Zoon bezit, oefen uw barmhartig ambt van Voorspreekster uit, verzoen mij weder met uwen Jezus en verkrijg voor mij de genade dat ik Hem in de toekomst niet meer beleedige.
Mijn Jezus, barmhartigheid !
(100 dagen aflaat telkens.)
Bij het Gloria.
Gij zijt alle vereering waardig, o Allerzaligste Maagd, O. L. Vrouw van het H. Hart, Gij, die door den Engel als vol van gratie gegroet en waardig bevonden werdt de Moeder van dengene te worden, die U geschapen heeft en Dien alle Engelen en Heiligen des Hemels en aile schepse-
iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiin,,,,,
311
â
tiiiiiiminmmimmmmmiiiiiiiimiiiimiiiimiiiiiminimimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimltiiiimini
1 len der aarde prijzen, verheerlijken |
| en aanbidden, als den Heer aller din- |
1 gen, als den eeniggeboren Zoon des 1
| Vaders, als liet Lam Gods, dat de |
1 zonden der wereld wegneemt ; Hij 1
| alleen is heilig, alleen de Allerhoogste |
I met den H. Geest in de heerlijkheid 1
| van God den Vader. Amen. |
| Bij het Collecte. |
1 Wij biddenU, ozoeteMoederMaria, 1
| O. L. Vrouw van het H. Hart, dat |
1 Gij voor ons bij uw Goddelijk Kind 1
| ten beste wilt spreken nu en altijd, |
i opdat de vrede, dien de Engelen bij 1
| zijne Geboorte verkondigden over ons |
| uitgestort, en de gansche Kerk met |
| genaden en zegeningen vervuld worde. |
| Wees gegroet, doorluchtige Konin- |
| gin van den vrede, Heilige Moeder i
1 Gods, wij bidden U door het H. Hart |
| van Jezus, uwen Zoon, den Vorst des i
1 vredes, bewerk dat de gramschap |
| uws Zoons bedare, en dat Hij in vrede i
1 over ons heersche. i
â iiiiiuiiimiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiJiiiiiiiiiiiiniwiiitiiiiiininiiuiiiiiiiimiiiio iiiimni ï 312 lil
wmm
iiiiiiiiiiuiuiimjiiiiiiimjimnjiiiiMijjiiiijjiiimiijijimmiiiiiimiiiimmijimiiiijiiiiiv
I Gedenk, o zeer zoete Maagd Maria, 1
| dat men nooit heeft hooren zeggen dat |
| iemand die zijne toevlucht tot U geno- 1
| men, uwe bescherming gevraagd, |
1 uwen bijstand afgesmeekt en uwe |
| voorspraak verzocht heeft, door U |
| verlaten is geworden. Aangemoedigd |
| door een dergelijk vertrouwen, snel i
| ik tot U, o Maagd der maagden, mijne i
| moeder, ik kom tot U, en ofschoon ik 1
| een zondaar ben, durf ik al zuchtende |
| voor U verschijnen. Wil mijne ge- I
| beden niet versmaden, o Moeder des |
i Woords, maar hoor ze goedgunstig aan 1
= en gewaardig U ze te verhoeren. |
| Amen. (1) |
= (i) 3oo dagen aflaat, telkens als men dit |
= laatste gebed godvruchtig en met rouwmoe- |
| dig hart zal bidden. i
| eens per maand,onder de gewo- |
| ne voorwaarden: biechten, communiceeren, i
E eene kerk of openbare bidplaats bezoeken |
i en daar bidden volgens de intentie van Z. =
| H. (Pius IX, 25 Juli 1846.)
1 jBy het Epistel. |
I (Eccl. XXIV. 23â31.) Ik bracht f
I (zoo laat de H. Kerk de Moeder Gods |
iiiinimiimiiiiiimmiiiiiiimiiMiiiiiiimiiiiiiiimiiiiiiiimmiiiimmmmiiiiiiimiiit1
1 313 1
«iiiirniiiiiiiiimiiiiiuiiiMiimimmmiiiiimmiimiiimmmmimmmmimiiiiuiiiiiiln,
I spreken) als een ontluikende wijnstok | 1 een aangenamen geur voort, en mijn | | bloesem leverde kostbare en rijke | i vruchten. Ik ben de Moeder der edele | | liefde, en der god vreezen hei d en dor | | kennis en der heilige hoop. Bij mij is i | alle genade-/«lt;?p tot den weg en de 1 = waarheid ; bij mij is alle hoop op leven | | en deugd. Komt tot mij, gij allen, die | | naar mij verlangt en verzadigt u aan | i mijne vruchten; want mijn geest is i | zoeter dan honig, en mijn bezit gaat | 1 honigzeem te boven. Mijn aandenken | |rzal door alle eeuwen heen voortduren. | | Die mij eten zullen nog hongeren, | | en die mij drinken nog dorsten. (Hoe | i meer men mijne goedheid en weldaden | | ondervindt, des te vertrouw voller | 1 wendt men zich tot mij). Die naar mij i | luistert, zal niet beschaamd worden; | | en die mij in oefening brengen, zullen | | niet zondigen. Die mij verklaren, (die | 1 er toe bijdragen, dat ik gekend en be- i 1 mind word) zullen het eeuwig leven | | .verwerven. |
| Geheel schoon zijt Gij, o dochter | 1 van Sion, schoon als de maan, uitge- 1
Mtniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiii),]
1 314 1 1
mm
'â 'i'ii'i'wMiNTmnmnumnunmnnmiiuinmimmunMimnniMiiinHmMmnmiiimumiim
1 I § lezen als de zon, vreeselijk (voor uwe i
| vijanden) als een leger in slagorde. |
1 De Heer heeft U in zijne macht ge- 1
| zegend, daar Hij door U onze vijan- |
1 den vernietigd heeft. Alleluja,Alleluja, 1
| Alleluja. Wees groet, Maria, vol van |
1 gratie, de Heer is met U, gezegend 1
| zijt Gij boven alle vrouwen. Alleluja, i
| Bif 'het Evangelie. |
| (Joan. XIX. 25 â26.) Bij het Kruis |
| van Jezus nu stonden zijne moeder, |
| en de zuster zijner moeder, Maria, de |
| vrouw van Cleophas, en Maria Mag- |
1 dalena. Als Jezus dan zijne moeder 1
| zag en den leerling daar staan, dien |
i hij liefhad, zeide hij tot zijne moeder : 1
| Vrouwe! ziedaar uw zoonl Daarop |
1 zeide hij tot den leerling; Ziedaar uwe 1.
| moeder! en van die ure aan nam de |
| leerling haar tot zich. i
i Bij het Credo. |
| Ik geloof in één God, Almachtigen |
| Vader, Schepper van Hemel en aarde, |
1 van alle zichtbare en onzichtbare din- |
| gen. En in één Heer, Jezus Christus, 1
iiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiimiiiiimmiiiiiiiimimniiiiiiiimmimiimiimiiiiiiriiiim
I 315 1
= r j iiiitnii
iiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiinniiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiniiinf =
1 den Eeniggeboren Zoon Gods.Licht van | ^ 1
| licht quot;waarachtig God van waarachtigen i |
1 God. Geboren, niet gemaakt, in zelf- |
1 standigheid één met den Vader, door 1 |
| Wien alles gemaakt is. Die om ons |
| menschen en om ons heil uit den Hemel 1 |
| is nedergedaald, en het vleesch heeft | 1
1 aangenomen door den H. Geest uit de f |
| Maagd Maria, en Hij is mensch ge- |
1 worden. Hij is voor ons gekruist onder 1 |
| Pontius Pilatus, heeft geleden en is |
| begraven. En ten derden dage is Hij 1 |
| verrezen volgens de Schriften. En Hij |
1 is opgeklommen ten Hemel, zit aan de 1 |
| rechterhand des Vaders. En Hij zal | |
| met glorie weder komen om te oor- | |
| deelen, de levenden en de dooden, en |
| zijn rijk zal geen einde hebben En in i
1 den H. Geest, Heer en levendmaker, | |
| die uit den Vader en den Zoon voort- ï
1 komt; die met den Vaderen den Zoon |
| gelijkelijk wordt aangebeden en ver- |
1 heerlijkt, die gesproken heeft door de i
| Profeten ; En ééne. Heilige, Katho- |
i lieke en Apostolieke Kerk. Ik belijd |
| één doopsel tot vergiffenis derzonden, |
| de verrijzenis der dooden en het leven |
316
mimiiinimMMMmimtimiimtiMiimiiiMmimmimiiimimiiitimiimmiiiiiifiiiiiii
der toekomstige eeuwen. Amen.
0 Maria, 0. L. Vrouw van het H. |
Hart, verkrijg' voor mij, dat, ik vol- i
gens het woord des Apostels met het |
Hart geloove ter rechtvaardigheid en 1
met den mond belijde ter zaligheid. |
Gezegend zij de Heilige en Onbe- |
' | | vlekte Ontvangenis der Gelukzalige |
â | | Maagd Maria ! (*) |
, | 10 'oo dagen aflaat, telkens als men dit i
| | schietgebed godvruchtig en met een rouw- i
= i moedig hart zal bidden. (Pius VI, 21 Nov. i
f , f «793)- I
1 1 Bij het Offertorium. 1
I Neem, o hemelsche Vader, de gaven |
I van brood en wijn aan, welke uw prie- |
I I ster U heden door de zuivere handen |
I der Allerroemwaardigste Maagd Maria |
I I opdraagt, opdat die gaven in het |
1 Lichaam en Bloed van uwen Godde- 1
I lijken Zoon veranderd zijnde, dienen |
I f mogen tot uwegrootere eer,totgrootere 1
I vreugde en heerlijkheid zijner Geluk- |
I I zalige Moeder in den Hemel en tot |
f onze hulp en ons heil hier op aarde. |
I I O allergoedertierenste Jezus, door de |
lil 317 1
aiiiiiiriiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiitiiiiinniiiiiiiiniiiitiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiir
1 voorspraak van O. L. Vrouw van het |
| H. Hart. Gij, die om ons te toonen, 1
1 welke groote macht zij op uw heilig |
| en aanbiddenswaardig Hart heeft, ï
f eens water in wijn hebt veranderd, o |
| verander toch ook geheel mijn hart, |
1 dat ik op de offerschaal des priesters |
i neerleg, opdat het van nu af slechts 1
1 uit liefde tot u en uwe H. Moeder |
| kloppe, en waardige vruchten van za- i
1 ligheid moge voortbrengen. Om de |
| geringheid en onwaardigheid mijns |
I harten te hulp te komen, draag ik U i
| met uw eigen verdiensten op al de ver- |
1 voeringen van liefde, alle deugden en |
| verdiensten der Gelukz. Maagd Maria, |
1 der Heiligen eu rechtvaardigen des |
| Hemels en der aarde. Gewaardig U, |
l o Maagd en Moeder van God, voor ons |
i bij den Heer ten beste te spreken, op- |
ï dat Hij zijn toorn van ons afwende. f
| Gedenk, o O. L. Vrouw van het H. |
1 Hart dat Jezus, uw Zoon, zich voor |
| ons aan het Kruis opgeofferd, U aan |
1 ons als Moeder en ons aan U als kin- |
| deren gegeven heeft. Daarom vertrouw |
1 ik heden aan uw Moederhart mijn ar- |
I 318 I
iiiiiiiiiiimuiiimiiiiiiiiiiimiMJinmimiiimiimimimiiimiiiiiimiiiiiiii,
beid en moeite, mijne vreugde en bijzon-1 der mijn lijden (dit of dat) mijne ge-| dachten, woorden en werken, mijn l leven en mijn dood. Offer mij en de | mijnen aan het Hart van uwen Jezus op.
| Bij de Prefatie.
= Het is billijk, rechtvaardig en heil-
| zaam, o Heer, dat wij onze harten
1 tot U verheffen, en U, o Heiligste
ï Heer, almachtige Vader, altijd en over-
= al dankzeggen, en dat wij U loven op
| het feest (of ter eere) dgr allerzaligste
1 Maagd, die uw eenigenZoon door de
| werking des H. Geestes ontvangen
1 heeft en uit welke het eeuwig Licht,
: Jezus Christus onze Heer, geboren is,
i terwijl zij haren maagdom behield ;
| door welken Jezus Christus de Engelen
| uwe majesteit loven, de heerschappijen
i U aanbidden, voor Wien de machten
1 beven, Wien de Hemelen alsook de
| Serafijnen met onderlinge vreugde
1 verheerlijken, met welke Gij U ook
| gewaardiget onze stemmen te vereeni-
| gen, terwijl wij ootmoedig belijden en
1 zingen :
iiiimMiiiiMimmimMiiimmiiiMimimmiiimimMiiMiimmimimi
1 319
^iiiiiiTiiiiiniiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiinijiiiiu inTtmiii
1 « Heilig,heilig, heilig. Heer God dor | i heerscharen : de aarde is vol van uwe | | heerlijkheid: Glorie den Vader, glorie | 1 den Zoon, glorie den H. Geest.» | 100 dagen aflaat eens per dag, voor | = dit «trisagion », rouwmoedig en godvruch- | | tiguitgesproken. (ClemensXlV, 6 Juni 1769). =
I Bij den Canon. |
1 A.llerbarmhartigste Vader,wij smee- |
I ken U nederig door onzen Heer Jezus | I Christus dat Gij de gaven die wij U |
1 aanbieden, genadig gelievet aan te ne- |
i men tot heil uwer H. Kerk, voor onzen |
I Paus N..., onzen Bisschop N... alle | 1 belijders en verdedigers des Geloofs. | 1 Gedenk echter ook onze ouders, | 1 broeders en zusters, vrienden en wel- | I doeners, en in het bijzonder N. N...; |
1 geef hun alles wat zij naar ziel en | I lichaam noodig hebben, opdat zij uw | I welbehagen en de eeuwige zaligheid | 1 deelachtig worden. Wees ook barm- | I hartigjegens mijne vijanden, aan welke |
1 ik van ganscher harte vergeef. i
I O. L. Vrouw van het H. Hart, de- | I zelfde Jezus,die eenmaal in uwen schoot |
jiiiiiTiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimimmimmiiimmiimmiimiimimimiimiiiiiiimiiiiJiini
i 320 I
ItiiTiiiiiiiimmumiiMimiiiMmiimmimtiiinmmiiiimiiiiiiiimmmnimiiiimiiiii
u
nederdaalde, zal weldra ook hier op |
het altaar nederdalen ; zijn allerbarm- |
hartigst Hart is met genaden vervuld, |
welke Hij in rijke mate over ons wil |
uitstorten. U heeft Hij met het uit- |
deelen zijner goederen belast. Ach ! 1
gedenk toch dat Gij onze Moeder zijt i
en wij uwe arme, hulpbehoevende =
kinderen zijn. Gij kunt mij en allen |
die mij dierbaar zijn, in al onze nood- 1
wendigheden helpen, omdat Gij eene |
onuitsprekelijke macht op Jezus' Hart 1
bezit. Gij zult ons ook helpen, omdat |
Gij zoo goed zijt en ons meer bemint |
dan wij ons zei ven beminnen kunnen. 1
O HemelscheSchatmeesteresvan.Jezus' |
Hart, Gij de Hoop der hopeloozen, 1
op U stellen wij al ons vertrouwen ; f
neen, Gij zult ons niet beschaamd 1
laten worden. i
â
| Bij de Consecratie. |
| O mijn God, ik geloof in U, omdat |
| Gij de eeuwige waarheid zijt; ik hoop 1
| op U, omdat Gij de oneindige barm- |
| hartigheid zijt '; ik bemin U, omdat 1
| Gij oneindig volmaakt en beminnelijk |
à 321 21 i
I
lltMnhlllllltliinnriiiintilMniiniiiiinnntilllllitlttliinttitnrttiMtiiiMMiiMintttlini
| zijt. Heer, vermeerder mijn geloof, ï
1 mijne hoop en mijne liefde. |
Aflaat van 7 jaren en 7 quadrag. \
i telkens. (Benedictus XIV, 28 Jan. 1756.) |
I Geloofd en gedankt zij ieder oogen â |
i blik het zeer heilig en zeer Goddelijk |
I Sacrament ! |
I 100 dagen Aflaat eens per dag. (Pius | 1 VI, 24 Mei 1776.)
O mijn Jezus, ik vereer en aanbid | i U onder de gedaante van Brood,hier || | verscholen. Met hetzelfde geloof, waarmede Maria en Jozef voor uwe kribbe nederknielden en u onder den sluier der menschheid aanbaden, aanbid ik U op het altaar.
I Eeuwige Vader, ik offer U het zeer |
1 kostbaar Bloed van Jezus Christus tot 1
I boeting mijner zonden en voor de be- |
1 hoeften der H. Kerk. |
1 100 telkens voor ditlaatste =
i gebed. (Pius VII 22 Sept. 1817). |
I Na de Consecratie. |
I O liefderijke Vader, tot boete voor | miiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimimiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiijiiii7i|iii7i
1 322
r~'r
iirriiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiliiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiimiiiiiiiiiiiiiifTiiiiiii
I al mijne zonden, offer ik U ai het |
| lijden dat Jezus uw Zoon heeft ver- 1
| duurd van het eerste oogenblik zijner |
| menschwording tot zijn laatste zucht 1
| op het kruis. Gedenk, o Vader, de |
| tranen, die Hij gestort heeft in de i
| kribbe, gedenk het lijden zijner kind- |
| sche jaren, van zijne jeugd, van zijn |
1 meer gevorderden leeftijd ; beschouw |
| zijn levenspad, dat steeds met doornen |
| werd bezaaid en aan welks einde het |
| kruis werd geplant, waarop Hij het 1
| werk onzer verlossing voltrokken |
| heeft. O Hemelsche Vader, wees mij |
| door het bitter lijden uws Zoons en |
i door de groote droefheden zijner On- |
| bevlekte Moeder, O. L. Vrouw van |
| het H. Hart, genadig ! 1
| «Zoet Hart van Jezus, maak dat ik |
i u altijd meer beminne ! gt;gt;,
3oo dagen Aflaat telkens. (Pius IX, §
| 26 Nov. 1876). I
I O Hemelsche Vader, beschouw met 1
I welgevallen dit rein en vlekkeloos |
1 offer. Moge deze H. Mis strekken tot |
1 zaligheid mijner arme ziel en tot heil |
liiiiiiiHiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiimiiiir
1 323 1
ââ
«tiiiiHiiitiintirtiiiiMiiiiiMiiiiiniiniiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMnuiiiniiiiiiiiitiiiiiMii
1 van alle levende en overledene Geloo- 1
| vigen. Schenk ons, o Heer, ter wille |
i van deze offerande al de genaden, welke 1
| wij noodig hebben ; bevrijd ons van |
| alle onheil naar ziel en lichaam, en |
| laat deze H. Mis het onderpand zijn ï
1 van de vergiffenis onzer zonden. Met |
| dat inzicht offer ik u de eindelooze |
i vreugde, die de volmaakte gehoor- 1
| zaamheid uws Zoons aan uw Vaderlijk |
i Hart veroorzaakt heeft Dat in Hem 1
| en door Hem en met Hem alle eer |
1 worde gegeven aan U, o God, Almach- 1
| tige,in de eenheid des H. Geestes in alle ï
i eeuwen der eeuwen. Amen.
| O. L. Vrouw van het H. Hart, |
i Moeder van de zielen des vagevuurs, |
| bid uwen lieven Jezus, dat Hij eenige 1
1 druppelen van zijn dierbaar Bloed op |
| de vlammen, quot;die haar verteren, doe i
| nederdalen, opdat zij gebluscht en de |
| arjtne zielen uit dien kerker van vuur i
| mogen verlost worden. |
| Bij het Pater noster. 1
| (Bid aandachtig het Onze Vader en het i
| Wees gegroet). |
| iiiiliiïiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiuiiMiitiiuiinimiimiimiiiiiiiiiimiiMiMiiiiiiiiiniiiiilTii
ï ' 324 1
rr
I ii it iMiiiiiiiM 11111 in ii it I mi 11 in 11 ii ii mi in ii 11 it in 11
i Bij het Agnus Dei. 1
I Lam Gods, dat wegneemt de zonden |
| der wereld, ontferm u onzer. (2maal). |
i â â Lam Gods, dat wegneemt de zon- i
| den der wereld, geef ons vrede. â |
1 Maria, Moeder der barmhartigheid en |
| Koningin van den vrede, bid voor mij. 1
| Bij de Communie. \
1 Heer, ik ben niet waardig, dat Gij 1
| komt onder mijn dak, maar spreek |
| slechts één woord en mijne ziel zal |
| gezond worden. (3 maal). |
1 O Jezus, hoe gaarne zou ik ü heden f
| door de H. Communie in mijne ziel |
ï ontvangen ! Had ik toch een hart zoo |
| rein en heilig, zoo vol liefde voor U |
i als uwe Allerzuiverste Moeder voor U 1
| had ; maar mijn hart is vol zonden, |
| zoo ledig van deugden ; gelief het te |
heiligen en met uwe deugden te ver- |
sieren, opdat ik U ten minste op eene |
i geestelijke wijze moge ontvangen. O |
| Jezus, ik geloof-in U, vermeerder |
1 mijn geloof ; ik hoop op U, versterk |
| mijne hoop ; ik bemin U, ontvlam |
iiimmiiiimimiiiiiiiimiiMiiimiiiiiimmtimiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiimiiiiiiiiiiiiiMiiiiÃ
1. 325 1
imiiiiiimiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimHiiiiiiiiiiiimimmiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiimiimiïif iiiiiiiiiiii
1 mijne liefde. O Jezus, het berouwt mij
| van ganscher harte, dat ik U beleedigd
| heb, omdat Gij het hoogste en opper-
1 ste goed en alle liefde waardig zijt. O
| Jezus, kom, o kom tot mij !
| «O Jezus, die in Maria leeft, kom 1
1 en leef in uwe dienaren met den geest |
| uwer heiligheid, in de volheid uwer 1
i kracht, in de waarheid uwer deugden, |
| in de volmaaktheid uwer wegen, in 1
| de mededeeling uwer geheimen ; en |
| belieersch door uwen geest alle vijan- 1
| delijke macht ter eere van den Vader!» |
3oo dagen Aflaat eens per dag. (Pius |
ï IX, 14 October iSSg). =
I Bij de laatste gebeden. |
I Heer Jezus Christus, die U gewaar- 1
I digd hebt heden tot ons neder te dalen ï
i en ü voor ons op het altaar aan uwen 1
I Hemelschen Vader opgeofferd hebt, wij |
1 bidden U, laat deze offerande ons tot i
§ heil verstrekken. Gij die God zijnde, |
i leeft en heerscht met den Vader en i
I den H. Geest in alle eeuwigheid. |
1 Amen. | iiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiii
1 320
iiiiiiiiiiiiifniiiiiiiiiiiininiimimiimimiiiiiiimmmiiiiimiimmmimiimiiiimiiiiiiiiiiiiiH
I Verleen ons, Heer, dat wij altijd en |
| overal door den bijstand der Allerza- i
1 ligste Maagd Maria beschermd mogen |
| worden ; te barer eere hebben wij dit |
| Goddelijk Sacrificie aan uwe Opperste |
i Majesteit opgedragen. Door Jezus 1
| Christus onzen Heer. Amen. |
| O liefdevolle Moeder Maria, O. L. 1
| Vrouw van liet H. Hart, gedenk toch |
1 de smarten, welke Gij met Uwen Ge- 1
| liefden Zoon voor mij geleden hebt ; |
1 gedenk dat ik door zijn kostbaar Bloed |
| ben afgekocht en gedoog toch niet dat |
1 ik de buit des boozen vijands worde, f
| Verkrijg voor mij van liet Hart van |
i Jezus de genade van een oprecht |
| christelijk leven en een zalig sterven. |
| Met het lieflijk Jezuskind
1 Zeegne ons Maria mild. |
| «O. L. Vrouw van het H. Hart van 1
i Jezus, bid voor ons ! » | loo dagen Aflaat eens per dag voor i
| de leden. (Pius IX.) =
'(inmiiiiinmmiimiimiimitiiitiimtiiiiimmimimmMmiiMMiMiMiMiMmiMiMmiii
1 327 1
HET MEMORARE
VAN
0. L. VROUW VAN HET H. HART.
-------
| Gedenk, o Onze Lieve Vrouw van liet | j
i Heilig Hart, de onuitsprekelijke macht, i j
| die uw goddelijke Zoon U op üijn aanbid- | ;
i delijk Hart gegeven heeft. Vol vertrouwen | |
| op uwe verdiensten, komen wij uwe be- | |
i scherming afsmeeken. O, Hemelsche =
i Schatmeesteres van Jezus' Hart, van I j
| dit Hart, hetwelk de onuitputbare bron | i
= van allo genaden is,en dat Gij naar welge- i
| vallenkuntopenen, omeroverhetmensch- |
= dom te doen uitstroomen al de schatten =
i van liefde en barmhartigheid, van licht | I
| en zaligheid, die er in zijn opgesloten, |
i verleen ons, wij smeeken het U, de gun- i
| sten, die wij verzoeken .... Neen, wij |
i kunnen niet afgewezen worden; en omdat 1
i gij onze Moeder zijt, o Onze Lieve Vrouw i
| van het Heilig Hart, neem onze gebeden |
â¢iiiinniiiiiniiitiiiiMiiiiMiiiiiniiiiitiiiiitititiiiniiiiiiiMiititiiiintninitiiiiiiiiiiiiüiiiiii i 1 328 1
|
imililllMMltmiltmrtiiMttitlMtmiiiiitntmimttmiitlMttiMniiMNnniMntniinmilir
= gunstig aan, en gelief zo te verhooren. i
| Amen. |
E (100 dag. all. eens per dag voor de leden der Aarts- 5
= broederschap. Pius IX. i3 Juni 1870.) 2
= Eenige goedgekeurde vertaling in het Nederlandsch. §
E S. C. I. 1 Nov. i883. E
lUiinir iiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiitiiiin 111111111111' 11 itim 111111111111111111111111111111 iiiiiiiiiiiiiiiiiTiiiiiiI'
lli 329 1
GEBEDEN
VOOR EN NA DE BIECHT.
Voorbereidend gebed.
1 ^
j(vJ NZE Lieve Vrouw van het Heilig quot;Kj) Hart! cle Hemelsei)e Vader heeft mij door Jezus, uw eeniggeboren Zoon, tot zijn kind aangenomen en Jezus heeft U aan mij op het Kruis tot Moeder gegeven, om mij op den weg zijner geboden te geleiden en mij naar den Hemel te voeren. Maar ach! ik. heb met Gods genade niet medegewerkt; ik heb U en uwen Godde-lijken Zoon beleedigd, en evenals de verloren zoon mijnen Vader in den Hemel verlaten, en ik ben ellendig- en arm geworden gelijk die ongelukkige.
God had mij kunnen straffen, en Gij hadtmij kunnen verlaten: ik heb het verdiend. Doch, als Vader, is God geduldig
IIIIIMIMIIIIMIIIIIIIIIIIIItlllllllilllllllMllinillllllilllllllllllil
330 [
4IIIIIXIIIIIIIIII till I III MIMI tIMIIIIIIIII
i|tiijiiiiiiiiiiiiiuiiiMiiiiiirtitriiitiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitniiiiiiiiiiiiMimiiiii
I en lankmoedig; Hij heeft mij niet in inijne i
I zonden laten sterven; kondet Gij als |
| Moeder uw arm kind verlaten? Gij zijt de i
= toevlucht der zondaars, reik mij alzoo uwe |
i barmhartige hand, geleid mij tot den 1
| vertoornden Vader en ' spreek voor mij =
i ten beste, opdat ik door eene oprechte en |
| rouwmoedige biecht vergiffenis en gena- i
| de moge verwerven. |
| Gebed om den bijstand van den H. Geest, i
1 Heilige Geest! In het doopsel hebt Gij 1
| mijne ziel tot uwe woning uitgekozen en i
= gedurende mi jn loven hebt Gij mij dikwijls |
i onderwezen, gewaarschuwd en vermaand. 1
| Helaas! gewoonlijk hel) ik niet naar U Ã
i geluisterd: ik heb U bedroefd, zoo dik- |
| wij Is uit mijn hart verjaagd. Ik vermag i
i niets zonder uwe genade, en als Gij mij |
| verlaat, zal mijne ziel voor eeuwig ver- i
| loren gaan. =
i Gij zijt echter oen Geest van liefde en 1
| barmhartigheid, en ik wend mij ootmoe- i
= dig tot U om uwen bijstand te verzoeken. |
| Verlicht mijnen geest, opdat ik duidelijk I
| moge zien hoe vele en' welke zonden ik H
= bedreven heb, hoe ver mijnt, boosheid |
| jegens mijn God gegaan is. Verwarm ook 1
| mijn ijskoud hart,ontsteek in hetzelve het i
i vuur uwer heilige liefde, opdat het be- |
| rouw, groot berouw hebbe; opdat ik mijne i
= zonden bekenno als David en ze betreure |
iiiiiipiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiii
331
iiiiiiuiiiiiiiummiiiiiimiiiiiimmiiiiiiimiiiimiiiiiimiiiimimimiimiiiiiiiiiiili
I als Magdalena.en Gij alzoo weder uwe wo-
= ning in mijne ziel kunt vestigen. Onze
| Lieve Vrouw van liet H. Hart, ondersteim
| mijn gebed bij den H. Geest, wiens Bruid
1 Gij zijt.
| Onderzoek van het geweten.
|' Denk nu dat gij in de tegenwoordigheid |j|
i staat van uwen Goddelijken Rechter, die
| harten en nieren doorgrondt en gereed is
= om uw oordeel te vellen. Onderzoek u ern-
| stig, welke en hoeveel zonden gij bedreven
| hebt met woorden, werken, gedachten, be-
i geerten en verzuimenis ; onderzoek u vooral
= over de plichten van uwen staat, enz. Vraag
i u zeiven af, welke uw hoofddrift is, en of
| gij de voorgeschreven middelen daar tegen
= getrouw hebt aangewend. = i
Berouw en voornemen. 1
| Overweeg vooreerst: Wie ben ik? â Wat |
= ben ik geworden? â Wat heeftGod de Vader =
| voor mij gedaan? â God de Zoon ? â God i
i 'dé H. Geest '? -â⢠Waar zou ik nu zijn als ik |
| voor een uur'gestorven was ? â â Bid daarna =
| met aandacht: |
| .Barmhartige Vader 1 ik heb gezondigd = | tegen den Hemel en tegen U, ik ben niet | = meer waardig uw kind genoemd te wor- f | den. Ik heb uwe liefde veracht, uwe i 'iiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiutiiniiiiiiiiiniuiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuïiiiii
⢠1 332 =
luiimiiiimiiMiiiimtimiiiiimiiimimiiiimiiiiimiiimmimiimiiiiiiitüüMmiiii»
weldaden misbruikt, uwe straffen getrot- |
seerd. En dat, helaas! zoo dikwijls, nadat i
Gij mij telkens weder vergeven hebtl Hoe |
grooter uwe goedheid is, des te grooter 1
is mijne boosheid. Ach 1 ik zou reddeloos 1
verloren zijn, als Gij mij niet wildet ver- |
geven. Doch, ofschoon mijne schuld groot =
is, ja, nog oneindig grooter is uwe liefde |
en barmhartigheid. Vol berouw en smart =
werp ik mij voor uwe voeten neder, en i
betuig U dat ik mijne zonden betreur en |
verafschuw, en ze nooit of nimmer meer i
wil bedrijven. Ach, neem mij nog een- |
maal als uw kind aan! O, stoot mij toch =
niet voor eeuwig in de hel! |
Aanschouw aan uwe voeten uwe innig |
geliefde Dochter, de teedere Moeder van =
uwen Goddelijken Zoon en ook mijne Moe- |
der,OnzGLieveVrouwvanhetlIeilig Hart. =
Zij offert U voor mij het H. Hart van uwen =
Jezus op, die voor mij op het Kruis zijn |
Bloed vergoot en stierf. Ontferm u dus |
= j | mijner om Jezus' en Maria's wille. Ik |
| 1 | beloof, o mijn God, dat ik in de toekomst =
§ ;' = de zonden en alle gelegenheden er toe =
= | zorgvuldig zal vermijden en getrouw de |
middelen zal aanwenden, welke mijn |
biechtvader mij zal voorschrijven. Ik zal =
bidden, waken en met uwe genade den |
duivel, de wereld en het vleesch'bestrij- i
den.Ik zal tot 0. L.VrouwvanhetH. Hart |
mijne toevlucht nemen, opdat Zij mij |
onder hare bescherming neme', en in de i
wonde van Jezus'H. Hart veilig verbqrge. |
lltll^l llllll I IMIIItlllllllllllllltllllMllllllllllllllltlllllMIIIIIIIIIIIIIIIIIIIMIlllll 11 llllllllflllll
333 I
i 1
illlliriilllllllllliillllllllllllllillllllllllllllllllllilllillilillinillltllliltiliniiiiwii
| Gebed tot Onze Lieve Vrouw van het H. Hart |
i na de Biecht. |
I 10NZE Lieve Vrouw van het II, Hart! =
i nu kan ik met U dankbaar en jube- |
| lend uitroepen: quot; Mijne ziel looft den =
| Heer en mijn geest verheugt zich in God, 1
1 mijnen Zaligmaker: » omdat Hij mijne |
§ zonden vergeven en mij weder tot zijn =
= kind heelt aangenomen. O lioe kan ik U |
| daarvoor genoegzaam bedanken, loven en =
| prijzen, o Allerheiligste Drievuldigheid! | | =
1 Geloofd en geprezen zijt Gij door elke
1 gedachte van mijnen geest, elk woord van
i mijnen mond, elke ademhaling mijner
| borst, elke slag mijns harten. Daar ik
§ zoo lang wederstand aan uwe genade
| geboden heb, zoo wil ik van nu af dage-
| lijks in uwe liefde en in uw welbehagen
i toenemen. Mijn goede wil is echter zoo
| zwak en de aanlokselen en bekoringen
= der wereld zijn zoo verleidelijk! Daarom
| wil ik vol vertrouwen op uwen bijstand
| mijne gebeden en waakzaamheid verdub-
= beien.
I Ook ben ik weder uw kind geworden,
i Onze Lieve Vrouw van liet H. Hart; hoe
| verheugd ben ik nu, hoezeer bedank ik
| U! Ik beveel mij in uwe machtige be-
i scherming, en bid U dat Gij mij in den
\ strijd tegen de zonde gelieft bij te staan,
iiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiriiiiil
l 334
t f
I I
.. V â¢
i'iiiinui ii7iiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiniiiiii'
bijzonder tegen .... en als Gij ziet, dat |
ik Avankel en bijna onder den strijd be- |
zwijk, dan, o Moeder, o toon dan de 1 macht, welke het Hart van Jezus U gege- |
ven heeft. Ondersteun en bescherm mij |
i I Ã in leven en sterven. Amen. I
uiiitViiniMittinnniiiiiiiMititiMiMiiiiiitiiititinniMittiitiitiiiiiiiiiiiiMittMiiiiiiiijiMiir
1 335 1
i ko = Ã te
1 || hei
1 VOOR EN Nft DE H. COMMUNIE, 1 I bri 1 lil Ik I || ha:
I VOOR DE H. COMMUNIE, f j he
GEBEDEN
Oefening van Geloof, Hoop en Liefde.
i JRk ga mij nu nader tot de H. Commu-
| Qty nie voorbereiden. Onze Lieve Vrouw
i van het H. Hart, om uwen aanbiddens- i
| waardigen Jezus in mijn arm liart te ont- i
| vangen. Konde ik het toch met lietzelfde i
| geloof doen, waarmede Gij Hem als een i
| arm en zwaklvind in den stal van Bethle- ;
| hem aanbeden hebt! Hulp der Christenen, |
| doe eene straal van uw onwankelbaar ge- ;
= loof in mijne ziel schitteren, terwijl ik ;
| van ganscher harte bid : Goddelijke Ver- i
| losser, Jezus, ik geloof vast en zonderden |
iimimiiiiiimin[iiiimiiiiiiiiiiiiiMMiiiiiiiiiinniiiiiuiiiiiMiiiiiiiiiiiiiuiMiiiiiiiinui
1 336
imlliiiMiimiiiiiimiinNmimmiiiiimiiiiiiimMiiitiuinmmtiMitinmimiiiTiiiim
I minsten twijfel dat Gij in het H. Sacra- 1
i ment wezenlijk en waarachtig tegen- =
| woordig zijt; ofschoon uwe Godheid en |
H Menschheid voor mijne oogen verborgen i
| zijn, vertoont het geloof U aan mij in een =
| bovennatuurlijk licht. Heer ik geloof, 1
i maar vermeerder mijn geloof. 1
| Gij, o lieve Jezus, wilt dus tot mij i
i komen, om mij ellendige, met uwe genade 1
| te verrijken! Hoe groot is toch uwe goed- i
i heid! Als Koning van Hemel en aarde f
| brengt Gij mij koninklijke geschenken. 1
| Ik hoop dus vastelijk, dat Gij alles van |
| mij zult wegnemen, wat U in mij mis- 1
| haagt, en dat Gij mij alles zult verléenen, i
| waarom ik U bidden zal, voor zoo verre 1
= het mij zalig en nuttig is. Onze Lieve 1
| Vrouw van het H. Hart, Jezus kan U niets |
= weigeren, bid dus voor mij en Hij zal mij 1
1 alles geven, waaraan mijne ziel behoefte 1
| heeft. |
i Wat kondet Gij, o Jezus, nog meer doen i
| om mijne gansche liefde te verwerven |
| dan Gij voor mij gedaan en geleden hebt? 1
i Uit liefde tot mij hebt Gij echter dit H. 1
| Sacrament nog ingesteld, om U aan mij |
= te kunnen schenken en U op het innigst 1
| met mij te vereenigen. O onbegrijpelijke |
= liefde ! En zou mijn hart voor uw Kruis |
| en uw H. Sacrament ongevoelig blijven? i
= Neen, o Jezus, ik bemin U van ganscher |
i harte, moer dan mij zeiven, dan al het 1
| geschapene. O kon ik toch maken, dat 1
= alle rnenschen U beminden 1 Ik vereenig 1 niiiinin |SMmmlll,,quot;quot;l,quot;iiiiiiiHMiiniiimMtiiiiirmiiiiMmimiiniiiiiiminiiiiiiiiiimiiii
337 22 =
r
uiiiiitiumiinmiinniiinniimiiimiimnimiuimmniiiiiinmiiimmiimMimi
| mijne liefde met die der Cherubijnen en
1 Serafijnen, ja, met de liefde zelve van uw
| Goddelijk Hart en met die van Onze Lieve
1 Vrouw van het H. Hart, de Moeder der
1 schoone liefde. En om U mijne liefde te
| toonen, wil ik voortaan uit liefde tot U
i mijne lievelingszonde zorgvuldiger en
i ijveriger bestrijden, dikwijlder aan U
| denken en naar mijne krachten zorgen,
i dat ook anderen U beminnen.
Oefening van berouw en ootmoedigheid.
O groote en heilige God, God van glorie en majesteit! wie ben ik toch, dat ik het zou durven wagen, U.te ontvangen? . . . Ben aardworm, een ellendige zondaar, die geene verdiensten maar vele zonden en
= re | de st(
OE
I 1
schulden aan te wijzen heb. Met schaamte f t overdekt moet ik met Petrus uitroepen: | « Ga weg van mij. Heer, want ik ben een zondig mensch! quot; en met den hoofdman van het Evangelie moet ik bekennen: quot; Heer, ik ben niet waardig, dat Gij onder mijn dak komt, maar spreek slechts één woord en mijne ziel zal gezond worden » Doch juist omdat ik zoo arm en ellendig ben, wilt Gij mij helpen en rijk maken; en uit uw H. Tabernakel hoor ik mij door U zoo dringend en liefdevol toeroepen: Komt allen tot Mij, die belast en beladen zijtenlkzalurerkwikken. Wie,o Heer,is armer en meer met zonden beladen dan ik?
Tuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiii
338
.....ï
iiiiiiiiiiiiiimiiiiiimiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiimmiiiiiiiii
§ Mijn Heer en mijn God, kon ik mijn |
1 leven toch nog eens op nieuw beginnen ! i
| Kon ik met mijn bloed die uren terug- |
i koopen in welke ik zoo trouweloos tegen i
| U gezondigd heb! Van ganscher harte |
| berouwen mij mijne nlisdaden tegen U i
| bedreven, mijn beste en liefdevolle Vader! i
| Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart, |
i had ik tocli niet zoo dikwijls uw Hart en i
| het Hart van uwen Goddelijken Zoon |
i door mijne zonden doorboord! Doch uw i
| Jezus heeft mij vergiüenis geschonken in i
= het H. Sacrament van boetvaardigheid; |
| reinigmijnhart echter meer en meer door =
| de tranen, welke Gij bij Jezus' Kruis ge- |
i stort hebt, opdat ik Hem waardiger moge |
1 ontvangen. i
m
Oefening van verlangen. |
Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, het =
komtmijvoor, U te hooren zeggen: quot;Zie, f
mijn kind, het oogenblik is gekomen, =
waarop mijn Zoon, de Heer des Hemels |
en der aarde, zich aan u gaat schenken; =
verlang naar Hem, en bid Hem dat Hij u |
door zijne liefde ontvlamme en U in zijn |
H. Hart verberge...âKom, Heer Jezus, i
wil niet toeven,kom mijne kracht,mijn le- |
ven,mijn hoogste goed, mijn God en mijn i
al! Ikwensch U te ontvangen met dezelfde |
verlangens, waarmede uwe dierbare Moe- =
der bezield was, zoo dikwijls Zij U uit de p
iiliiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiirniim
339 1
tllllimiiiiiiiiitiMiMiiMimniiMitMtiMiininmtMtmiMNtmnttimnnnMitiminiiO
1 handen van uwen geliefden leerling, den i
| H. Joannes, ontving. â O. L. Vrouw van |
| het H. Hart, zeg aan uwen Jezus, dat ilc 1
i uw kind, uw nederige dienaar ben, dan i
| zal Hij nog lievpr tot mij komen. Kom |
i dus, mijn Jezus, kom, mijn hart is be- =
| reid U te ontvangen. Het lichaam van O. i
| H. Jezus Christus beware mijne ziel ten i
i eeuwigen leven. Amen. 1
NA DE H. COMMUNIE.
Begroeting en dankzegging.
f' 1 'rftT
1 lt;5wy- EES gegroet, o Jezus, wees duizend
ï '-ij- en duizend malen gegroet. Gij, die
â | uwen intrek bij mij genomen hebt! Wees
!, | welkom in mijn arm hart! Nu ben ik de
| uwe en wil mij niet meer van U afschei-
| den; met U vereenigd wil ik leven en
i sterven. Vlucht verre van mij, o zondige
| wereld, met uwe verlokkingen: gij zult
| geen deel meer in mij hebben; ik behoor
= met ziel en lichaam, met mijne gansuhe
| liefde aan Jezus. O mijn Heer en mijn
1 God, mocht mijne dankbaarheid met uwe
| weldaden en goedheden overeenkomen!
| Elk oogenblik mijns levens wil ik dit
| gelukkig uur gedenken, en zou ik U nog
1 340
[ â , , â¢
imiiiiiiimmimmimi Minim imiiimiiimiiimi mi'
door eene zonde kunnen beleedigen als ik aan uwe komst in mijn hart donk ?
Met David moet ik uitroepen : «Wat zal ik den Heer wedergeven voor alles wat Hij mij geschonken heeft?-: Ik zou u veel, zeer veel moeten geven, en toch heb ik niets dan mijn arm hart, en acli ! dat hart is nog zoo koud en ledig aan deugden. Doch Gij, o ü. L. Vrouw van het H. Hart, kunt en moet uwen Goddelijken Zoon-in mijne plaats bedanken. Deel aan mijn hart slechts één vonkje mede van den liefdegloed en de dankbaarheid, waarmede Gij te Epheze uwen onder broodsgedaante verborgen Jezus ontvangen en in uw Hart begroet en gedankt hebt. H. Jozef, Vriend van het H. Hart, mijn H. Engelbewaarder, mijne heilige Patronen en alle Gods lieve Heiligen,vult alles aan wat nog aan mijne liefde ontbreekt.^
Opoffering. |
n
In de overmaat uwer liefde hebt Gij U |
geheel aan mij gegeven, o mijn Jezus! =
Het is dus rechtvaardig en billijk dat ik | .
mij ook zonder voorbehoud geheel aan U |
geve en toewijde. Maar wie ben ik toch i
dat Gij van mij eene gave, en dan nog |
welk eene gavel zoudt aannemen ? Intus- i
schen ken ik toch iemand van wie Gij zelfs |
de geringste gift met vreugde aanneemt: i
het is Onze Lieve Vrouw van het Heilig |
lUiMiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuKiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
341 1
iiiiiimmimmiiiiiiiiiiim
Hart. Haar naam alleen is reeds in staat U tot welgevallen te bewegen. Daarom geef ik Haar mijn offer over, en door liare reine Moederhanden schenk ik U mijn lichaam en mijne ziel, mijne vrijheid, mijn verstand en mijnen wil; met Haar wil ik uitroepen: « Mijn geliefde is aan mij en ik ben aan Hem! « Ik draag U op, o mijn Jezus, al mijne gedachten, woorden, en werken,in één woord, alles wat ik bon en heb. Gij,o mijn Jezus, zult'voortaan mijne grootste vreugde zijn, met uwe allerliefste Moeder,de Hemelsche Schatmeesteres uws Harten. Niets zal mij te zwaar vallen om U mijne liefde te toonen. Ik zal voortaan slechts volgens Uwen wil leven; ik wil alles wat Gij wilt, gelijk Gij wilt en omdat Gij het wilt. Versterk mij, Heer, met uwe genade. O. L. Vrouw van hetH. Hart, bid voor mij, opdat ik uwen Godde-lijken Zoon tot aan mijn dood getrouw blijve.
Verzoek.
| Gij zijt tot mij gekomen, allerzoetste
i Jezus, om mij met genaden te overladen
| j i en mij gelukkig te maken. Gij vraagt
|i i mij: « Wat wilt gij, dat Ik u doen zal?»
1 Ach! er ontbreekt nog zoo veel aan mijn
| geluk, en daar Gij mij zoo welwillend | uitnoodigt, zoo weet ik bijna niet wat ik U | vooral vragen zal; Gij echter, O.L. Vrouw
Hiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimtiiïiiiiii
I 342
llllllllillllllllllllllllllllllillliiililll»
= iiiniiininiiiiiiiiiiiiiii
itiiiiiiiiiiiiiiiiiniii
van het H. Hart, Gij weet wat het beste voor mij is, daarom leg ik mijne verzoeken zoowel voor liet tijdelijke als het eeuwige in uwe handen; verwerf mij een levendig geloof, eene onwankelbare hoop, eene standvastige liefde. Gedenk de onuitsprekelijke macht, welke Gij op het Hart van uw Goddelijken Zoon hebt; verwerf dus voor mij gezondheid naar ziel en-lichaam, voortgang in de deugden, bijzonder in . . . zegen op mijnen arbeid, sterkte in de bekoringen, troost in lijden, ijver voor het goede en een levendigen afschrik van iedere zonde, vooral van . . . Ik ben niet waardig door God verhoord te worden, echter vertrouw ik op uwe voorspraak, o O.L.Vrouw van het Heilig Hart; Gij zijt mijne Moeder, en daarom vraagt Gij voor mij gaarne om genade en zegen; Gij zijt ook de Moeder van Jezus, en uwe verzoeken zijn als bevelen voor zijn H. Hart. Als Gij tot den genadentroon uws Zoons nadert en voor mij bidt, zal Hij mij ongetwijfeld alles geven wat Gij voor mij vraagt. Wieop Jezus en opU, O. L. Vrouw van het H. Hart, vertrouwt, zal nooit beschaamd worden. H. Jozef, Vriend van liet H, Hart, bid voor mij. Amen
âKKâ
IlilÃHliilllllllllllllllllllllllllllllllllilllllilllillllilliillliiilililiiiilliilllillllllllllllJIIlllU
1 343 1
I i i ^
gÃBBD
VAN DEN HEILIGEN IGNAT1LS.
Uë
i 41 KL van Christus, licilii,' mij. â Lichaam
I 'Y van Christus, maak mij zalig. â Bloed
ï van Christus, maak mij dronken. â Water
I der zijde van Christus, wasch mij. â
i Lijden van Christus, versterk mij. â
I 0 goede Jezus, verhoor mij. â Binnen uwe 1 wonden verberg mij.âLaat niet toe dat I ik van U gescheiden worde. â Tegen den
1 boozen vijand bescherm mij. â In het uur I van mijnen dood roep mij. En beveel mij 1 tot L' te komen. â Opdat ik U met uwe llei-I ligen love. â Door de eeuwen der eeuwen. I Amen.
= Aflaat van 3oo dagen telkens ; 7 jaren en 7 qua-H dragenen na de H. Communie (Pius IX, g Jan. 1854).
fiiiimiiiiiiinmiiiiimMiiiiMMiiiimittiimMiMiiimiiiiiMiiiiiiitii?mniimimiiiirniiiii|iiiJ.iiiiiu
1 344 1 =
iiiiiiiinui niiiimiiiiimiiiimMinMiiimmniitiiiimitimimMiiiiiiiiiimiiMiiiiiiiiiiiimiiiiiilt;
® i'
liiA X a i ||H| ii^m
GEBED
gJEKRUISTEN @)EZUSgt;
= ifV =
| ll;. mij hier, o goede en allerzoetste =
1 lt;-t Jezus; voor uw heilig aanschijn werp |
i ik mij op mijne knieën neder en smeek 1
| U met den grootsten aandrang mijner |
| ziel, levendige gevoelens van Geloof, 1
1 Hoop cn Liefde, van waarachtig berouw |
| over mijne zonden, met een vast voor- 1
'1 nemen mij daarvan te beteren, in mijn |
| hart te willen drukken, terwijl ik met 1
i groote liefde en droefheid uwe HH. vijf |
iiij,iiiliiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiilllliv
345 1
t i
â iiiiiiliiiiitiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiinntiMiiiiiiiiiiMiiiiiniuniiiiiiiitiiiiiiji
I Wonden in den geest beschouw, en mij
f voor oogen stel wat de Profeet David
| reeds van U, o goede Jezus, voorzegde :
| Zij hebben mijne handen en voelen
i doorboord; zij hebben al mijne beenderen
1 geteld. (Ps. 21, 1quot; en 18).
E Volle Aflaat aan al degenen die na gebiecht
= en de H. Communie ontvangen te hebben, boven-
§ staand gebed met een rouwmoedig hart voor een
E beeld van den gekruisten Jezus zullen bidden en
E er 5 Onze Vader, 5 Wees gegroet en 5 Glorie
à enz. bijvoegen tot intentie van Z. H.
«iiiilliiiiiiniummiiiiiiiimiiiiiiiiiiuiiiimiiiiiiiiiiiimmiiiiiimimiiiimimiimii
346
1
i
imimiiiiiuiiiiiiiimiiniiiiiiiiimiiiiiniMiiMiiiniiiiiiiKiiiiiniiiiiiiiiiiiiiimiiiiiii»
(ftcicnin^ nan i^en Jlrnkineci I
onder begeleiding van O. L. Vrouw 1 van het H. Hart. i
VOORBEREIDEND GEBED.
iNZE LieveVrouw van het H. Hart, uw Jezus heeft zoo onuitsprekelijk veel geleden, om ons den Hemel
weder te openen, die door de zonden ge- i
sloten wasl Ook mijne zonden hebben tot |
zijn en uw lijden bijgedragen. Elk kruisbeeld =
herinnert mij aan de oneindige liefde van |
Jezus' Hart, aan dat zwaard van droefheid, i
dat uwe ziel doorboorde en aan mijne eigene |
zondeschuld. Had ik toch geen enkele zon- |
de bedreven ! De weg des lijdens is de weg i
iiiniiiimiiimMimiiiiimmmimiiimmifiMiimiiiiiiimiiiimmmmiiiiimiiiiiiirt
347 1
iiiiiniiiiiiiiliiiliimiiiiiiiitiimiMiiiiiiiiiiiMiimiiiiMminiMniiiiiiiii naar den Hemel; Jezus en Gij, lieve Moeder, hebt mij denzelven aangewezen ; tot uitboeting mijner zonden en om in het bitter lijden mijns Zaligmakers troost en kracht te vinden te midden der bekoringen, wil ik in uw gezelschap, o liefderijke Moeder, den Kruisweg gaan doen.
Eenieder make hier zijne meening voor wie hij de aflaten, aan den kruisweg verbonden, zoo volle als gedeeltelijke, wil verdienen. Ook kan men voor de geloovige zielen de toepassing overlaten aan Maria, opdat zij daarmede die zielen helpe, welke haar het dierbaarste zijn, of welke het meeste behoefte aan ondersteuning hebben.
1« STATIE.
Jezus wordt ter dood veroordeeld.
Wij aanbidden en loven U, Christus ! Omdat Gij door uw H. Kruis de wereld verlost hebt.
O L. Vrouw van het H. Hart. â⢠Mijn Kind, gij ziet nu, hoe mijn Jezus valsch beschuldigd en tot den schandelijken kruisdood wordt veroordeeld. En wat heeft H ij gedaan ? Niets dan goed. Leerende en weldoende ging Hij voorbij ; verkondigde allen het Evangelie, en toonde hun den weg des Hemels daarom moet Hij lijden en sterven, iiiiimiiiimimmiinuiiiinimiiiijiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiinimiiiniiim
348
m
iniiiiinïn iiiMitiiMimmiiimiiMmimmimmiiMMmmmimimiiimmimiiiimiiiimimmi
leerling. â O Jezus, onrechtvaardig =
wordt Gij, de Rechtvaardige en Heilige, |
veroordeeld. Hoe zoude het mij dan nog =
kunnen verwonderen, dat mijne medemen- Ã
schen mij liefdeloos en valsch beoordeelen ? =
Gij hebt immers zelf gezegd : De leerling is =
niet boven den meester. Heeft men U ver- 1
volgd, zoo zal men ook mij vervolgen, als ï
ik de plichten van mijnen staat als een ge- =
trouw christen vervul. Ik wil met U lijden =
en nooit tegen mijn geweten handelen, om §
aan de menschen te behagen, maar ik wil =
steeds denken, dat Gij eens mijn Rechter |
zult zijn. i
O. L. Vrouw van Het H. Hart, help mij |
door uwe machtige voorspraak, opdat ik i getrouw blijve aan mijne goede voornemens.
Wees gegroet, Glorie %ij i
den Vader.
11» STATIE.
| Jezus neemt het kruis op zijne |
| schouders.
§ Wij aanbidden, enz. |
= O. L. Vrouw van het H. Hart. â Zie |
| mijn kind, hoe uw Verlosser het zware |
inilliiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiMliilliiiiiiiiiiiiiiiiliilililitiiiiiiuiiiiiiiiiiiiuiiniiiiilliniiillb
1 349 |
inrniiiiiiiiiiitiiiiiiititiiiiin i
tllllllMllllllimiMMtM
IHIIIMIimnH
kruis op zijne gewonde schouders neemt, en gelijk een lam, dat zijnen mond niet opent, zich ter slachtbank laat leiden. Sedert meer dan 33 jaren, heeft Hij met eene onuitsprekelijke liefde naar het heil onzer zielen verlangd, en nu Hij het kruis aanschouwt, strekt Hij de armen naar hetzelve uit en neemthet met de grootste vreugde op. Jezus, zijn kruis dragende, wil u hier eene les geven en Hij roept u toe : Zoo iemand na mij wil komen, die neme %ijn kruis op. â Wie qijn kruis niet opneemt en mij niet volgt, is mijner niet waardig.
De leerling. â O, liefderijke Jezus, hoeveel hebt Gij uit liefde tot mij gedaan ! Zou ik nu ook niet gaarne eenige moeilijkheden en onaangenaamheden uit liefde tot U verdragen? Zoude ik niet gewillig het juk Uwer geboden en der plichten van mijnen staat dragen en de kruisen die Gij mij overzenden wilt, met óvergeving uit Uwe vaderhand aannemen ? O Jezus, Gij gaat mij met Uw H. Kruis voor, ik wil U volgen. Ik vereenig mijn lijden met het Uwe en wil voortaan slechts daarop bedacht zijn, om in alles Uwen Heiligen wil te volbrengen. Versterk mij door de verdiensten van Uw bitter lijden.
lllllllllllilllllllllllllllllUIUIIIIIIIIIII
imimiiiiniii
350
I iiiiiiiiiimiiiiiiimiiiimmiiimimiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiHiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiitiiii-
O. L. Vrouw van het H. Hart, die zoo- =
veel in vereeniging met uwen Goddelijken | Zoon voor mij geleden hebt, sta mij altijd i
bij, opdat ik mijnen Jezus in het dragen van i
zijn kruis navolge. =
Onje Vader, Wees gegroet. Glorie, enz. |
111«= STATIE. 1
Jezus
valt voor de eerste maal onder het Kruis.
: | Wij aanbidden, enz. |
; ï O. L. Vrouw van het H. Hart. â Mijn |
= | kind, overdenk hier hoe mijn Goddelijke i
à = Zoon, door de smartvolle geeseling, de pijn- |
| | lijke doornenkroon en het groote bloedver- |
j = lies geheel uitgeput, onder den zwaren last 5
: | van het kruis nederzinkt. Doch niet alleen |
1 = het kruis heeft Hem zoo neergedrukt, maar |
; i veel meer de zonden der wereld en ook de §
I = uwe. Beween ze daarom uit geheel uw hart |
en maak het voornemen u te beteren, vooral |
van die zonden, welke gij het meest bedrijft. |
De leerling. O zoet Hart van Jezus, ik i
heb vele zonden bedreven. De schuld mijner |
misdaad drukt op U, als een zware last ; i
doch nu haat en verafschuw ik dezelve met i
â
351 i
'iiiiiiïiiimniiiiiiniimiiiiiiiiiiMiniiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiiMiiniiMiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
ï al de kracht mijner ziel; vooral-beween ik
E den ongelukkigen dag, op welken ik voor
= den eerstenkeer in mijneondankbaarheid zoo
= verging, dat ik U door eene doodzonde uit
i mijne ziel verbande en dezelve voor uwe
| vijanden opende. Door de verdiensten van
ê Uwen eersten val smeek ik U, laat niet toe,
| dat ik ooit weder in eene doodzonde valle, of dat ik ooit door mijn slecht voorbeeld
i anderen ten val brenge.
| O. L. Vrouw van het H. Hart, Moeder
f van barmhartigheid, bid voor mij, opdat uw
i Goddelijke Zoon mij de genade der verge-
i ving schenke.
I Oi2^e Vader, Wees gegroet. Glorie, enz.
| IVquot; STATIE.
| Jezus ontmoet zijne bedroefde Moeder.
| Wij aanbidden, enz. Ã
i O. L. Vrouw van het H. Hart. â Mijn |
| kind, overdenk hier welk een zwaard van =
= droefheid mijne ziel doorboorde, toen ik =
| mijnen Jezus, geheel met wonden en bloed jj
= bedekt en met het zware kruis beladen, ont- |
| moette. Om mijne smart te kunnen beseffen, |
â¢MiiiiDiiiiiniiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiJiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiii.
1 352 \
Illlliiiiiiiiii ....................................................................................
moest gij mijne onuitsprekelijke liefde voor 1
mijnen Jezus kennen, de boven alle aardsche |
moederliefde verhevene liefde van eene i
Moeder Gods. Wij wilden ons aan deze |
treurige ontmoeting onderwerpen, om ons i
lijden en onze smarten, vereenigd aan de god- |
delijke rechtvaardigheid, op te dragen, ten ï
einde voor uwe zonden te voldoen. |
De leerling. â O Jezus, o Maria, ik ben i
schuldig aan de smarten welke Uwe H.H. |
Harten doordringen ! Maar nu maak ik het i
vaste voornemen, U voortaan nooit meer i
te bedroeven; met den goddelijken bijstand =
wil ik U getrouw blijven tot in den dood. i
Lieve Jezus, geef dat ik uw lijden en de |
smarten uwer H. Moeder steeds gedenke en i
door eene voortdurend grootere liefde tot | U ontvlamd worde.
O. L. Vrouw van het H. Hart, gelief ook i
mij bij het scheiden uit dit leven goedgun- ï
stig te gemoet te komen en mij tot uwen |
Goddelijken Zoon te geleiden. i
On^e Vader, Wees Gegroet, Glorie, enz. ï
23
mimimMinminiimminmM'MmntmmniiiminiimmiiiiimiimimtiitijiMmf
353
lief
Ve STATIE.
Simon van Cyrene helpt Jezus het kruis dragen.
1 ⢠Wij aanbidden, enz. = 1
| O. L. Vrouw van het H. Hart. â Mijn | ï i kind, de last van het kruis werd voor mijnen = = ' | geliefden Zoon zoo drukkend, de weg tot |!| i den dood zoo moeilijk, dat men Hem hulp ~ = | moe^t verleenen, opdat Hij niet geheel zou-= de bezwijken. Jezus nam de hulp van Simon Iquot; van Cyrene aan, om u te leeren uw lijden 1 met het zijne te vereenigen en met Hem den | bitteren kelk te deelen.
' . 1 De leerling. Simon helpt U het kruis | dragen, lieve Jezus ! Hoe gaarne zoude ook 1 ik U dezen dienst hebben bewezen. Neem, | o Jezus, het geduldig dragen van het kruis, | l i dat Gij mij oplegt aan, als eene verlichting i ï | van het Uwe. Ook hebt Gij eens gezegd : 11= = Wat gij den geringsten mijner broeders i i te I gedaan hebt,dat hebt ge mij gedaan,
1 dan, lieve Jezus, als ik mijnen naaste in 1 kruis en lijden troosten en verlichten kan,
i als ik hem een liefdedienst kan bewijzen, | zal het geschieden met zooveel ijver en
1 354
liefde, alsof ik ze aan U, o Jezus, zelf bewees. =
O. L. Vrouw van het H. Hart, maak dat |
ik ten allen tijde bereid zij, mijnen naaste te i
helpen en hem in zijn lijden eene volkome- |
ne overgeving in den Goddelijken wil in te i
:|i boezemen. 1
z l On^e Vader, Wees Gegroet, Glorie,enz. =
\ | Vl» STATIE. ï
ié :
= | Jezus drukt zijn aanschijn in den Ã
i | doek van Veronica. i
:j| Wij aanbidden, .enz. |
= i O. L. Vrouw van het H. Hart. â Mijn i
i; kind, bewonder den moed van Veronica, die i
het waagde, midden onder de spottende me- |
nigte, den Heer haar medelijden te toonen, i
daar zij Hem een doekgafom zijn besmeurd |
en bloedig aanschijn af te droogen. Schaam 1
u over uwe vrees voor de menschen, die u 1 belet voor uwe godsdienstige overtuiging uit |
te komen, wanneer men mijn Zoon, zijne i
Heilige Kerk, zijne dienaren bespot en ver- |
guist. Bid Hem dat Hij u uwe lafheid ver- = geve en u een grooten ijver voor zijne eer §
inboezeme. = De leerling. â O Jezus, ontsteek in mijn 1
iiiiiillllTilyiimo'miilimiiniinmnniiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiittiiuuiiliiiiliiininilllir
355 Ã
= hart eene vurige liefde tot U ; die liefde zal 1 mij doen zegevieren over alle vrees voor de = menschen, en bewerken, dat ik mij in alle i gelegenheden als uw leerling toone. Druk i dan ook het beeld van uw heilig aanschijn, = dat slechts zachtmoedigheid, goedheid en
5 liefde te kennen geeft, diep in mijne ziel, |
| opdat het mij in den omgang met anderen, =
1 steeds als een vermanend voorbeeld diene. |
| En als alles eens voor mijne oogen zal ver- =
1 dwijnen en mijn blik zich tot U zal wenden, |
| toon mij dan uw liefderijk aanschijn, dat het =
i geluk der uitverkoornen in alle eeuwigheid |
= uitmaakt. |
I O. L. Vrouw van het H. Hart, verkrijg |
= mij, dat ik het eeuwig aanschouwen van uw =
1 Goddelijken Zoon, in uw gezelschap deel- |
= achtig worde. =
| Onze Yader, Wees gegroet. Glorie, enz. |
| Vil0 STATIE. |
| Jezus valt voor de tweede maal f
= onder het Kruis. =
E Wij aanbidden, enz. |
i O. L. Vrouw van het H. Hart. â⢠Mijn 1
| kind, overweeg hos mijn Goddelijke Zoon, i llllliijjiiiiiMiiiiiMiiimimiiiiiiiiimiimmiiiiiiiiiuimiiiimiiiiiuiiiiiiiimiiiutiuilli
1 ' 356
N
II
I
iiiiimmiiiimiiiiiiiimiMiimimimiMiiiiiMiiimimiiimiiuiimMMMimimminiiiiii
i voor de tweede maal valt en denk aan uw ï
i dikwijls hervallen in de zonde, waardoor gij 1
: zijn H. Hart zoo menigmaal hebt bedroefd, i
Telkens hebt gij Hem beterschap beloofd, i
doch ook telkens hebt gij Hem uw Hart i
weer ontrukt, om het aan den boozen vijand 1
terug te geven. Welk eene snoode ondank- 1
baarheid !________|
De leerling. â O Jezus, reik mij uwe |
barmhartige hand toe en ondersteun mij, =
opdat ik niet meer struikele op den weg i
uwer geboden en niet meer in den afgrond =
der zonden nederzinke. Geef mij door de i
verdiensten van,uwen tweeden val, de gena- |
de der volharding. Ik ben zwak en ellendig, i
zonder U vermag ik niets, maar met U kan |
ik alles, daar gij mij versterkt. Mijn arm, i
onstandvastig hart geef ik aan U door de i
handen uwer Heilige Moeder, opdat Gij het i
in het Uwe opsluitet, waar het vooralle zon- |
den behoed zal zijn. i
O. L. Vrouw van het H. Hart, bekleed |
mijn zondig hart met uwe verdiensten en |
versier het met uwe deugden, opdat het i
een welgevallig offer zij voor het Hart van |
uwen Zoon. =
Onze Vader, 'Wees gegroet. Glorie, enz. |
iiüniiiinn
111111111111M 111
1111111 IIIllllllllll
357
â yr
iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiimiiiiiB
| VIII'- STATIE. 1
i Jezus troost de weenende vrouwen | | van Jeruzalem. 1
| Wij aanbidden, enz. =
1 ijs, O.L. Vrouw van het H. Hart. â«Weent | | niet over mij, maar over u en uwe kinde- \ \ ren, » zoo sprak mijn lieve Zoon tot de | = vrouwen van Jeruzalem. Hij was dus meer = i bezorgd voor haar, dan voor zich zeiven ; | | het ongeluk van zijn volk ging hem meer = = = ter harte, dan zijn eigen lijden en sterven. | | | Ook u, mijn kind, roept Hij toe : Ween \ = = niet over mij, maar ween over uwe zonden, | = | die een grooter kwaad zijn dan alles wat ik i 1 = heb geleden. |' |
| De teerling.â Ik moet dus meer treuren i = 1 over mijne zonden, dan over uw bitter lijden, | | = o mijn Jezus. Ach, verwarm mijn ijskoud \ = i hart met het vuur uwer liefde, opdat ik dag = | | en nacht mijne zonden beweene en ze door 1 i i werken van boetvaardigheid moge uitboeten. = | | Vervul mij met een vurigen ijver voor de 1 i | zaligheid der zielen, opdat ik de zonde, de = | = oorzaak van uw lijden.belette waar ik slechts | kan, en mijn best doe om de zondaars, vol-
iiiiimiiiiitiMiiimiiiinimimimimiimitiMiiiitimiimiiimiimiimiiimimmiiyi
I 358
jiiiiifiiiMiiiimiiiiMiiiiiiiiiiiimiii
liiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiimiimiiimijiiiiiiiimiimiimimtnimiiiMMiiiiitiiiiii
= gens mijn vermogen, op den goeden weg i
| terug te brengen. Op deze wijze wil ik Uw |
| H. Hart troosten en mijne vorige ondank- =
| baarheid herstellen. |
i O. L. Vrouw van het H. Hart, verkrijg i
| voor mij een groot berouw, eene levendige Ã
1 droefheid over mijne zonden, vooral wan- |
| neer ik tot den rechterstoel van boetvaar- |
1 digheid gaan moet. =
= On^e Vader, Wees gegroet, Glorie, enz. |
1 IX» STATIE. |
1 Jezus valt voor de derde maal onder =
i het Kruis. i
Wij aanbidden, enz.
O. L. Vrouw van het H. Hart. â Mijn kind, overweeg hoe uw uitgeputte Verlosser voor de derde maal onder zijn kruis bezwijkt ; het zoude geen wonder geweest zijn, als Hij hier reeds ware gestorven. Doch bij het aanschouwen van den Calvarieberg richt Hij zich met nieuwen moed op, want Hij verlangt daar zijn leven te geven 1 voor zijne kinderen. Denk er eens aan, mijn § kind, hoe gij deze liefde van uwen Verlos-| ser hebt vergolden.....
DUiiijiiiiimiiimmiiiiiiiiimiiiiiinmii
iiiiiiiiiinijiiiiimmmiiiiiiiiiiiililli
iiiiiiiiiin
359
I -De leerling. â O. H. Hart van Jezus,
1 vergeef mij, dat ik zoo weinig edelmoedig
| jegens U ben^ wanneer heter op aankomt,
i U een offer te brengen, eene slechte gewoonte
= af te leggen of uit liefde tot U iets te lijden.
| Versterk mijn zwak hart, door het met Uw
= H. Hart te vereenigen, en maak het stand-
| vastig in Uwe liefde. Het aanschouwen van
1 uw heilig kruis en het overwegen van uw
| bitter lijden en sterven, zal mij moed en
1 kracht geven, alle offers te brengen, welke
| Gij van mij verlangt.
1 O. L. Vrouw van het H. Hart, help mijn
| arm hart, opdat het niet tot lauwheid ver-
i vaile en vervul het met den geest van opoffe-
| ring.
i On^e Vader, Wees gegroet. Glorie, enz.
= E
Xe STATIE.
Jezus -wordt van zijne kleederen beroofd.
= Wij aanbidden, enz.
i O. L. Vrouw van het H. Hart. â Mijn
i kind, overweeg hoe de kleederen van mij-
= nen Jezus, met geweld worden afgerukt van
à het lichaam, en al zijne wonden worden
1 360
imilMlNiiMiiiuiiiiniuiliiiiiiliiimiiiiiiMiNmiijiininriiiiimiijijiijiniiiiiiifliii^
vernieuwd. Hij wilde zich aan deze smart- i
volle ontkieeding onderwerpen, om u een |
voorbeeld van zelfverloochening te geven i
en u te leeren hoe gij de verlangens van uw 1
hart boven alle vergankelijke goederen en i vreugde der wereld moet verheffen.
De leerling. â O lijdende Verlosser, als i
ik uw gewond lichaam, uw met doornen |
gekroond hoofd, uw uiterste zwakheid en I
smartelijke verlatenheid overdenk, hoe kan 1
ik dan nog verboden vreugde zoeken en i
ijdelheid, wellust en weelde beminnen? |
Neen, mijn lieve Zaligmaker, ik wil mij van i
de zonde en alles wat mij tot zonde aanzet, §
losrukken; ik wil, hoe moeielijk het mij ook \
= valle, mijne booze gewoonten en neigingen |
i afleggen. Dikwijls zal ik er aan denken, hoe i
: de dood mij eens, en misschien zeer spoe- =
: dig, alle goederen en vreugden der wereld i
à zal ontrukken, terwijl slechts mijne wer- i
i ken mij in de eeu\vigheid zullen volgen. ;
| Onze Lieve Vrouw van het H. Hart, |
j bid voor mij, opdat ik mijn hart van de i
1 wereld onthechte en mijne zinnen stelle op =
: het eenig noodzakelijke, namelijk, op het i
; heil en de zaligheid mijner ziel. |
1 On^e. Vader, Wees gegroet. Glorie,enz. i ..................................................................................
361 1
uitliminiiiiitiitnniMttliiMtiltMMiiniiriiiiitiiMiiiiMititiMniiirtquot;iMMMinMiMiitil
I XIe STATIE.
| Jezus wordt aan het kruis genageld.
= Wij aanbidden, enz.
| O. L. Vrouw van het H. Hart. â Mijn = kind, welk droevig schouwspel! Zie hoe de | beulen mijnen Jezus op het kruis uitstrek-1 ken en met handen en voeten op hetzelve = vastklinken. Overdenk hoe de zonden aller = tijden en geslachten zich hier verzamelen en | hoe elke zonde raedehelpt om mijnen Zoon | aan het kruis te nagelen. Elke hamerslag is = een dolksteek in mijn teerbeminnend moe-= derhart. Doch daar elke druppel bloed, die | uit de wonden van Jezus vloeit, om genade i en barmhartigheid voor de zonden zijner § beulen roept, zoo vereenig ik mijn lijden | met dat van mijnen Zoon, om den toorn = van den hemelschen Vader te bedaren. | Dc leerling. â O Jezus, berouwvol werp 1 ik mij voor U neder, mij beschouwende | als een der beulen, die U gekruisigd hebben. | Nu ik de boosheid der zonde inzie, wil ik | liever duizendmaal sterven, dan U door eene i doodzonde te bedroeven. O Jezus, door de | bittere smarten, welke Gij aan het kruis
«litlliJiiiiiiiiiMimiimmiiiimiimMiiiiiiiiiimmtiimimimiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiii|^
1 362
niiiiiiiiiiiiiiiimmiiiiiiiimiiiiiiimiiiiiiiimimiiiiiiiMiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMU
I hebt geleden, bid ik U, geef mij de genade, =
1 dat ik mijn lichaam door boete en verster- i
| ving onophoudelijk kruisige en alle ziekten =
= en moeilijkheden met geduld en overgeving i
§ verdrage. |
O. L. V. van het H. Hart, toevlucht der =
z zondaren, laat niet toe, dat ik nog ooit uwen =
1 lieven Zoon door eene doodzonde kruisige. i
= Onze Vader, Wees gegroet, Glorie.enz. =
ï XI1« STATfE. |
Jezus sterft aan het kruis. |
= Wij aanbidden, enz. |
| O. L. Vrouw van het H. Hart. â Mijn i
§ kind, kom nader tot het kruis en beschouw =
| uwen stervenden Verlosser, Alles predikt =
= hier liefde. Zijne armen zijn uitgestrekt, om |
[ u te ontvangen ; zijn hoofd is vooroverge- i
1 bogen, om u den kus des vredes te geven. |
= In zijnen bitteren doodsstrijd denkt zijn i
| barmhartig Hart nog aan u; vóór zijnen |
| dood wil Hij u het dierbaarste wat Hij nog i
| op aarde bezit, vermaken, namelijk mij, |
= zijne Moeder. « Vrouw, ziedaar uwen i
i zoon; zoon, ziedaar uwe Moeder. « Met deze =
= woorden heeft mijn Goddelijke Zooti u aan 1
liiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiilir
I 363 =
â¢IIIIIIJIIilllllllMIIIIIIIMIUIIIIIIIIIMMIIIMIIIIIMMMIIIIIIIIMIMIIIIIIIIIillllMIIIIIIIIIII
I mij toevertrouwd. Volgens zijn H. wil zal
1 ik u steeds de teederste moederliefde toe-
r dragen en voor u zorgen, zooals geene
i aardsche moeder voor haar kind zorgen
= kan.
= De leerling. â O Jezus, hoe kan ik U
| ooit genoeg dankbaar zijn, voor alles wat
i Gij uit liefde tot mij hebt gedaan. Gij sterft
| aan het kruis om mij het leven te geven, en
i mij voor den eeuwigen dood te behoeden.
= Ach ! laat het bloed en water dat uit uw ge-
1 opend Hart vloeit, mijne zondige ziel be-
| sproeien, opdat zij worde gezuiverd en ont-
| vlamd door uwe liefde. Geef dat ik, uit
1 liefde tot U, den dood gewillig aanneme en
| mij door een godsdienstig leven tot een
i zalig sterven voorbereide. Verleen mij ook
| eene kinderlijke liefde tot uwe en mijne
1 Moeder Maria ; laat mij hare deugden, bij-
| zonder hare heilige zuiverheid, navolgen,
i opdat ik immer waardig zij haar kind ge-
E noemd te worden.
1 O. L. V. van het H. Hart, mijne innig
| geliefde Moeder, ik werp mij in uwe moe-
1 derlijke armen, en geef mij geheel aan u
= over, bewaar en bescherm mij als uw
H eigendom.
lluiiiütliiiiHiiiMiunilimiimiiiiiimiitiiiiiiiiiiiiiiniimiiiiiiiiNitMniMnliillltllI
1 3G4
min....................................................................................
On^c Vader, Wees gegroet. Glorie, enz. i
XIIIe STATIE. |
Jezus wordt van het kruis
afgenomen. |
Wij aanbidden, enz.
O. L. Vrouw van het H. Hart â Mijn i
kind. beschouw het lijk van mijnen Zoon, |
zooals het hier op mijnen schoot ligt ; tel 1
de wonden, die Hij uit liefde tot u heeft ont- =
vangen, en neem deel in mijne overgroote i
droefheid. Mijn lijdende Zoon had mij uit- i
genoodigd, om deel te nemen in zijn lijden, |
en ik heb geen oogenblik geaarzeld, aan i
deze uitnoodiging gehoor te geven, omdat |
ik wist dat Hij voor u, mijn dierbaar kind, i
zoude lijden. Daarom heb ik Hem tot op 1
den Calvarieberg gevolgd, den kelk des 1
lijdens tot den bodem met Hem geledigd en |
met een bloedend doch grootmoedig hart, i
zijn leven den hemelschen Vader ten offer 1
gebracht. |
Leer hierdoor mijne moederliefde tot u |
kennen, en wees overtuigd, dat ik u niets 1
zal weigeren, daar ik zelfs mijn veelgeliefden =
Zoon voor uwe zaligheid heb opgeofferd. ï â loiiiiiiiiiimiiiimiiiiMiiiiimiiiimtimiiimmiimiiimiiiimiimiiiiiiiiiiiitiiin
365 1
4iiiMiiiiiiMmiMiniiiiitimMfiitiimiMitiiitMmiiimimiiimiMimiiMmtmi)mitm£iiMitimr
| De leerling. â O Jezus ! o Maria ! hoe
i hebt Gij mij bemind, mij die door mijne
H vele en groote zonden schuldig ben aan de
à smarten, die Gij geleden hebt ! God-
= delijke Verlosser, levend en dood, hebt Gij
= aan den maagdelijken boezem van Maria
= willen rusten, om ons te toonen, hoezeer
H Gij den maagdelijken staat liefhebt, en hoe
| rein elk hart zijn moet, om uw H. Lichaam
= in het H. Sacrament des Altaars te ontvan-
| gen. Verleen mij de genade om de vlekke-
= looze reinheid uwer H. Moeder, naar best
| 'vermogen, volgens mijnen stand en staat na
i te volgen, en wanneer ik tot uwe heilige
| Tafel moet naderen, wil dan mijn hart voor-
ï bereiden, opdat het U eene waardige woon-
= plaats worde.
1 O. L. Vrouw van het H. Hart, Schat-
1 meesteres van het H. Hart van Jezus,verrijk
i het arme hart van uw kind, met de onein-
i dige genadeschatten van uwen Zoon.
| On^e Vader, Wees gegroet. Glorie, enz.
gt;gt;iiiiiiiiiiiiii!|iiiiiiiiiiii
futlimiiiiinttMNiiiiiMiiittniniltllliiiiinilitttiiiiiMMnitiniiii
1 366
...................................................................................
XIVe STATIE. I
Jezus wordt in het graf gelegd, i
Wij aanbidden, enz. |
O. L. Vrouw van het H. Hart. â Over- |
weeg mijn kind, hoe mijn Jezus in een lijk- i
doek gewikkeld, en in het graf gelegd wordt. |
In dengeestvergelijkik dit smartelijk oogen- i
blik, met dien gelukkigen tijd waarop ik \
Hem in doeken gewikkeld in de kribbe =
nederlegde. Hier, gelijk daar, dezelfde ar- |
moede, dezelfde versmading van de goede- i
rendezer wereld. Toen Hij terwereld kwam, |
kwam Hij in zijn eigendom, maar de zijnen |
namen Hem niet op. Hij nam zijnen intrek =
in eenen armen stal. Nu bij zijnen dood, wil Ã
Hij ook geen eigen graf bezitten, daar Hij u =
wil leeren, hoezeer Hij de armoede bemint i
en de onthechting van het aardsche bij zijne =
leerlingen verlangt. 1
Dc leerling. â O aanbiddenswaardige =
Jezus, nu rust Gij in het graf. Ook ik zal i
eenmaal in het graf gelegd worden ; waar |
zal dan mijne ziel zijn ?.... Wat ben ik toch §
dwaas zoo bekommerd te zijn voor mijne |
aardsche goederen, die zoo spoedig zullen i
iniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiuiiiinniiiiiiiimiiiiiiiiiïiiiiiigt;
367 |
«iiiliiiTmiiiiimiiiimimummnnmimmmmumiimiimimimmMMiiiiiiiiiiiiijii
I verloren gaan, en het eenige noodzakelijke, |
i namelijk het heil mijner ziel, te vergeten. |
| Geef dat ikuwe liefde tot de heilige armoede r
= navolge ; dat ik de armen, die uwe lievelin- =
i gen zijn, van mijnen overvloed bereidwillig |
1 mededeele en gaarne tot werken van liefda- i
| digheid iets bijdrage. =
à O. L. Vrouw van het H, Hart, verkrijg i
i voor mij de genade, dat ik, gelijk gij, het |
i aardsche gering schatte, en steeds naar de 5
| eeuwige goederen verlange. Ã
| On^e Vader, Wees gegroet, Glorie, enz. =
| SLUITGEBED. |
| O Jezus, ik dank U voor de genaden en =
| verlichtingen, welke Gij mij gedurende dezen |
| kruisweg hebt geschonken. Ik offer U deze =
1 heilige oefening op, als eene vereering van |
| uw bitter lijden en sterven, tot vergeving =
i mijner zonden en tot troost der arme zielen |
§ in het vagevuur. Eindelijk, o Jezus, bid ik i
| U allerootmoedigst, laat uw heilig Bloed, |
= uw bitter lijden en sterven, alsook de smar- i
| ten uwer H. Moeder, O. L. Vrouw van het |
= H. Hart, voor mijne arme ziel niet verloren =
| zijn. Amen. =
â¢4lllinillllll M MIIIIIIIIIIIIIIIIIII llll IIIIIIIIIIMIM111MIIIIIIIM1111IIMIIII III Mil IIIIIIIIMIII
368
De Getijden
CJO
Onbevlekte Ontvangenis der Allerheiligste Maagd Maria.
Aü Matutinum.
|
f. Welaan mijne lippen, verkondigt nu. Denlofende glorie der Allerh. Maagd. f. Mijne Meesteres, snel mij te hulp ; i^. Verdedig mij krachtig tegen het geweld mijner vijanden. Glorie zij den Va-| dei-, enz. Alleluia. |
Eia, mea labia, nunc annuntiate i^. Laudesetprée-conia Virginis be- atse. f. Domina, in ad-jutorium meum intende; i^. Me de manu | hostium potenter defende. Gloria Patri, etc. |
[jiiniiiiiiimniiiiiiimiiiiiiiiiiiiuiiiiiimiimiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiriimii
369 24 1
«iiiiniitititniitiintitMiiMiiMiitnniitiiMtitiiitninniniiiiNiiiiiuiiiiiKiMMnMiin
Alleluia. [
A Septuagesima i
usque ad Pascha I
loco Alleluia die;- |
tur:Laus tibi Domi- j
ne. Rex seternse I
gloria;. I
Hymnus.
Salve,mundi Do- | mina,
Ccelorum Regina; Salve, Virgo virgi-num,
Stella matutina.
Salve, plena gratia,
Clara luce divina: Mundi in auxilium Domina, festina.
Ab seterno Domi-nus
Te prseordinavit Matrem Unigeniti â Verbi, quo creavit Terrain, pontum, aethera:
Te pulchram orna-vit
Sibi sponsam, qute In Adam non pec-cavit.
ttiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiniiiMiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiniiiiiitiiininiiiiiiMini
Van Septuagesima tot Pasclien zegt men in de plaats van het Alleluia: Lof zij U, o Heer, Koning der eeuwigeglorie.
Hymne.
Wees gegroet, Beheerscheres der wereld , Koningin des Hemels ; wees gegroet, Maagd der maagden. Morgenster.
Wees gegroet. Gij vol van genade, helder bestraald door het goddelijk licht: sneldewereld te hulp. Gij, die hareBelieerscheres zijt.
' Van eeuwigheid af heeft de Heer U voorbestemd tot Moeder van het EengeborenWoord door Wien Hij aarde, zee en lucht heeft geschapen:
i
370
|
Hij heeft u versierd, om voor Hem te zijn eeneschoone bruid, die in Adam niet heeft gezondigd. Amen. y. De Heer heeft Haar uitgekozen boven allen ; e}. In zijne woontente heeft Hij Haar doen wonen. f. Mijne Meesteres, neem mijn gebed onder uwe bescherming. i$. En mijn roepen kome tot U. Laat ons Bidden. H. Maria, Koningin des hemels , Moeder van onzen Heer Jezus Christus, en Beheersche-res der wereld, die niemand verlaat en niemand v e r -smaadt, sla, mijne Meesteres, op mij een oog van goedertierenheid en |
Amen. y. Elegit earn Deus et prfeelegit eam. i^. Intabernaculo suo habitare fecit eam. f. Domina protege orationem me-am, i^.Etclamormeus ad te veniat. Oremus. Sancta Maria, Regina coelorum. Mater Domini no-stri Jesu Christi, et mundi Domina quse nullum derelinquis et nullum despicis; respice me, Domina, clementer oculo pietatis, et impetra mihi apud tuum dilectum Filium |
iiiiiiiiiiiiiiiiiimmiiiiiniiiiiiiiimiiiiiiiniimiiuiiiiiiniiiiiiiiiiimiiiimiiiiiiniiiiiii
371 |
111!
â
â iiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiliiriiiiiiiii
|
medelijden, en verwerf mij van uw geliefden Zoon de vergiffenis van alle mijne zonden ; opdat ik, die nu met godvruchtige liefde uwe heilige en Onbevlekte Ontvangenis herdenk,in de toekomst denkamp-prijs der eeuwige gelukzaligheid moge machtig worden, mij geschonken door onzen Heer Jezus Christus zeiven, dien Gij als Maagd hebt gebaard, en die met den Vader en den H. Geest leeft en heerscht, in de volmaaktste eenheid. God door de eeuwen der eeuwen. Amen. f. Mijne Meesteres, neem mijn gebed onder uwe bescherming. r). En mijn roepen kome tot U. Laat ons den Heer zegenen. m I ij ;jf[ ffill H ! I I i ' i L y i I i i 1 j â |
cunctorum veniam peccatorum: ut qui nunc tuam sanctam et immaculatam Conceptionem de-voto affectu recolo, seternse in futurum beatitudinis bravi-um capiam, ipso, | j quem Virgo peperi- | i sti, donante Domino nostro J e s u Christo, qui cum Patre et Spiritu Sancto vivit et re- § j gnat, in unitate | | perfecta, Deus in | saecula sseculorum. ; Amen. ï , Domina,protege orationem me-am, i^.Etclamor meus ad te veniat. f. Benedicamus Domino. i^. Deo gi'atias. 1 = 1=5^ s 1 1 |
1 372
iTm
b.
m
iiiriiiiiiiiiiiiiiiimiiiimmiiiiiiiiiiiiinimiiiiimimiiiiiiiiiimiiiimiimiiimiimiiin
|
| God zij dank. = y. Dat de geloo- § vige zielen door f Gods barmhartig- = lieid mogen rusten | in vrede. lil. Amen. |
j'. Fidelium ani-mie per misericor-diam Dei requies-cant in pace. Amen. |
Ad Primam.
|
f. Mijne Meesteres snel mij tehulp. it^. Verdedig mij krachtig tegen het geweld mijner vijanden. Glorie zij den Vader, enz. Hymne. Wees gegroet , wijze Maagd, Tempel Gode toegewijd, en met den zeven-armigen standaard en de Tafel der Toonbrooden versierd. Van alle besmetting dezer wereld voorafge vrij waard, f. Domina, inad-jutorium meum intende; |
e). Me de manu hostium potenter defende. Gloria Patri, etc. Hymnus. Salve, Virgo sapiens, Domus Deo dicata, Columna septem-plici Mensaque exorna-ta. Ab omni conta- gio Mundi prseservata. Ante sancta in |
373 I
â iiiiiiiiiiiimiiiiiiimimiiiimiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiimiiiiinimiiiiliiiiummiimiji
|
waart Gij , reeds voor uwe geboorte, heilig inden schoot uwer Moeder, Gij zijt de Moeder der levenden, en de Poort, waardoor de Heiligen binnengaan: Gij de nieuwe Ster van Jakob, en de'Gebiedster der Engelen. Voor Satan zijt Gij een geducht Leger in slagorde'ge-schaard : wees de Deur van zaligheid en de toevlucht der christenen. Amen. t- God zelf heeft Haar geschapen in den H. Geest. p^. En Haar uitgestort o-veral zijne werken. Mijne Meesteres, enz. met het Gebed als hoven. HI I ,3« |
utero Parentis, quam nata. Tu Mater viven-tium. Et porta es Sanctorum : Nova stella Jacob, Domina Angelo-rum. Zabulo terribilis Acies castrorum; Porta et refugium Sis Christianorum. Amen. f. Ipse creavit illam in Spiritu Sancto. i^.Et effudit illam super omnia opera sua. f. Domina,protege, etc. cum Orati-one ut supra. |
lliliiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiimiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiniiiniimi
iiiiiiiiimminmiiimi'
k
374
111111 il 11111111 IJ IIIII11IIIIIIIUII Mllllllllllllllj 11
Ad Tertian.
|
f. Mijne Meesteres,snel mij te hulp, Hymne. Wees gegroet. Arkedes Verbonds, TroonvanSaloraon, heerlijke Regenboog, Braambosch, weleer aan Mozes getoond, Koede, groenend van loof. Vacht van Gedeon, gesloten deur der Godheid, en Honigraat van Samson Het betaamde God deze zij ne edele dochter van de erf-smet onzer moeder Eva te vrijwaren ; Hij mocht niet toelaten, dat de verhevene, die Hij zich tot waarachtige Moeder had uitverkoren, aan eenige schuld onderhevig zou zijn. Amen. |
f. Domina in ad-jutorium, etc. Hymnus. Salve area foederis, Thronus Salomo-nis: Arcus pulcher ;e-theris, Rubus visionis; Virga frondens germinis. Vellus Gedeonis; Porta clausa nu-minis, Favusque Samso-nis. Deeebat tam no-bilem Natam prseeavere Ab originali Labe matris Bvse: Almam, quam elegerat Genitrlcem vere, Nulli prorsus si-nens Culpae subiacere. |
liiiiiiiiiijiiiimMiiiiiuiiiimimiiimimiiiMiiiiimiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiimiiiiio
375 =
iiuimiiiitiuiliimMimniimmiiiiiiiiiiniuunimnmiiiniiniiuMimmmmiiiimii
|
jr. Ik woon in het hoogste der hemelen, e}. En mijn troon rust op eene â wolkkolom. Mijne Meesteres, neem, enz. met hetsebed als boven. |
Amen. f. Ego in altissi-mis habito, i$. Et thronus mens in columna nubis. f. Domina j^rote-ge, etc. cum Orati-one ut supra. |
Ad Sextam.
|
| f. Mijne Meeste- | res, snel mij ter i hulp, enz. Hymne. | Wees gegroet, | Maagd en tevens | vruchtbare Moe- i der. Tempel der | Allerh, Drievuldig- | heid, Vreugde der 1 Engelen, gesloten | Vertrek van Zuiver- i heid, Troost der | treurenden, Para- | dijs van geneugten, 1 Palmboom van ge- | duld en Ceder van | kuischheid. 1 Gij zijt een geze- | gende en priester- |
i'. Domina in ad-jutorium, etc. Hymnus. Salve,Virgopuer-pera, Templum Trini-tatis : Angelorum gau-dium. Cella puritatis ; Solamen moeren-tiurn. Hortus voluptatls : Palma patientise, Cedrus castitatis. Terra es benedicta Et sacerdotalis, Sancta et immunis Culpse originalis. |
«imiiiiiiiiiiiniiiiiiiiMiiiiiiiiiiiniiiMiiiiiiiiiiiiniiiiiiiMiiiMiiiiiiiiJiiiiriiiiiiiiiiiimi
1 376
iiiiiiiiitil miiminimiiiiimiiiiiimimiiimiimmiimiiiimimiiiiiimiiimiiiiimiiiiiriiiiii»'
|
lijke grond, heilig en ontoegankelijk voor de erfzonde. Gij zijt de Stad des Allerhoogsten, en de oostelijke Poort : in U is alle genade, o ongeëvenaarde Maagd. Amen. Gelijk eene lelie tusschen de doornen, i^. Zoo is mijne vriendin onder de dochteren van Adam. f. Mijne Meesteres, neem, enz. met het Gebed als boven. |
Civitas Altissimi, Porta orientalis, In te est omnis Gratia, Virgo singularis. Amen. f. Sicutlilium inter spinas, k). Sic amica mea inter Alias Adaj. f. Domina protege, etc. cum Ãra-tione ut supra. |
Ad Nonam.
|
f. Mijne Meesteres , snel mij te hulp, enz. Hymne. Wees gegroet, Stad die eene veilige wijkplaats biedt, versterkte Toren |
Domina in ad-jutorium, etc. Hymnus. Salve urbs refu-gli Turrisque munita David , propugna- |
imiiiiiiiimiiiimmiiiminiiimmiiimimiiMiimiiv'iimmiiiiimiiiiuiiiiiiiiiiiiii»
377
iiiiiiiiiiniiiiiiiiiiMiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii'iniiiiiiiiniiiiiiKiiiiiiiiii
|
van David, met bol-werkenen wapenen toegerust. ! In uwe Ontvangenis van liefdevuur ontgloeid hebt Gij de macht der helsche slang verplet. O sterke Vrouw, onverwonnen Judith, sclioone Maagd Abisag, die den waren David hebt gekoesterd. Racliel droeg den Redder van Egypte ; maar Maria heeft den Verlosser der wereld gedragen. Amen. f. Gij zijt geheel schoon mijne vriendin. i$. En de erf-smet kleefde nooit op U. f. Mijne Meesteres, neem, enz. met hetgebedalsboven. |
culis Armisque insignita In Conceptione Charitate ignita, Draconis potestas Est a te contrita. O muiier fortis Et invicta Judith, Pulchra Abisag vir-go, Verum fovens David ! Kachel curatorem Aegypti gestavit : Salvatorem Mundi Maria portavit. Amen. f. Tota pulchra es, amica mea. e). Et macula ori-ginalis nunquam fuit in te, f. Domina protege, etc. cum Ora-tione ut supra. |
«iiiiiiiiiiinui ui miiiiiiiiiimmii inn mi iiiiiimiiimiimiiimimiiimimmiiiiiiii
i 378
quot; ^iiiiilmimimiliimm.....iniilli.....................................................
Ad Vesperas. 1
|
f. MijnoMeeste-res,snel mij te liulp, enz. Hymne. Wees gegroet , Zonnewijzer, waarop de Zon tien strepen terugging,toen liet Woord vleesch werd. Om den mensch uit den afgrond tot het hoogste op te heffen, heeft de Onmetelijke zich een weinig beneden de Engelen gesteld. Door de stralen dezer Zon schittert Maria ; als een oprijzende dageraad blinkt zij in hare Ontvangenis. Eene lelie onder de doornen is zij, die den kop der helsche slang verplet , en als een schoone maan be- |
i^. Domina in ad-jutorium, etc. Hymnus. Salve horologium Quo retrograditur Sol in decern lineis, Verbum incarnatur Homo ut ab inferis Ad summa attolla-tur, Immensus ab An- gelis Paulo minoratur. Solis huius radiis Maria coruscat; Consurgens aurora In conceptu micat. Lilium inter spinas Quse serpentis con-terat Caput, pulchra ut luna Errantes collustrat Amen. ir. Ego feci in ccelis ut oriretur lumen indeflciens. nj. Et quasi nebu- |
llllllIIIIllllIIIII11111111 III 111111 III 111i111IIII li 111II1111111II1111II i 111111111111M111llllllllllllll
379 1
llimtnitMtmmmttmttitiMimtMmmmiiiiiiniiimtimitimMiimiiMiiiiiiiiiiiiiiir
|
straalt zij de dolendenmet haar licht. Amen. Ik heb gemaakt dat er aan den hemel een licht oprees, wiens glans niet verkwijnt. i$. En als met eene wolk heb ik de gansche aarde overdekt. f. Mijne Meesteres, neem, enz. met het gebod alsbqven. |
la texi omnem ter-ram. t. Domina protege, etc. cum Oratio-ne ut supra. |
All COWPLETORIUM.
|
y. Moge uw Zoon Jezus Christus, o onze Meesteres, door uwe gebeden verzoend, ons be-keeren. e). En zijne gramschap van ons afwenden. f. Mijne Meeste-res.snel mij te hulp. i^. Verdedig mij krachtig tegen het geweld mijner vijanden. |
i\ Convertat nos, Domina, tuis preci-bus placatus Jesus Christus Filius tuus, i^. Et avertat iram suam a nobis. â jr. Domina, in ad-jutorium meum in-tende. 1^1. Me hostium defende. Gloria de manu potenter Patri et = |
â¢iiiiiiiiiiiiimiiimiiimiiimiimmiimimmiiiiMiiiiimiimimiimimmiimiiiiiiiii
380
iniiiiumimiiiiiiimiiiimiiiiiiimiiiiiiiimmiiiimiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiuiiiuimiiii
Filio, etc.
Olorie zij don Vader en den Zoon,
|
Hymne. Wees gegroet, bloeiende Maagd, onbesmette Moeder, Koningin van goedertierenheid , met sterren bekroond : boven alle Engelen rein en onbesmet, staat Gij daar in een 'met goud doorweven kleed aan des Ko-nings rechterhand. Dat het ons door U gegeven zij, o Moeder der genade, zoete Hoop der schuldigen, schitterende Sterre der zee,liavender schipbreukelingen,openstaande hemeldeur, en behoud der kran-ken, den Hemelkoning in de woonplaatszijner Heiligen te aanschouwen. Amen. |
Hymnus. Salve Virgo flo-rens, Mater illibata, Regina clemcntise, Stellis coronata ; Supra omnes Angelos Pui'a, immaculata AtqueadRegisdex- teram Stans veste deaura-ta. Per te. Mater gra-tise, Dnlcis spes reorum Fulgens, stella, maris, Portus naufrago-rum. Patens coeli janua, Salus inflrmorum: Videamus Regem In aula Sanctorum. Amen. |
immiiiiniiiijiiiiiuiiiniiiimiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiimiiiiiiiriiiiir
381 1
iiiiiiimiiimimiMiiiiiiiiiiimimmiiiiiimiiimimiimniiMiiMmiiii
|
f. Als uitgegote-ne olie isuw Naam, o Maria. y. Uwe dienaren hebben U met overgroote liefde bemind. y. Mijne Meesteres, noem, enz. met liet gebed als boven Smeekend bieden wij U, o barmhartige Maagd, dit loflied aan; geleid ons, opdat wij voorspoedig op onzen weg voorttreden, en sta ons in onzen doodsstrijd bij, o zoete Maagd Maria. Amen. r). Gode zij dank. |
f. Oleum effu-sum, Maria, nomen tuum. e). Servi tui di-lexerunt te nimis. f. Domina protege, etc. cum Ora-tione ut supra. Supplices offei'i-mus Tibi, Virgo pia Hauc laudum pr£e- conia: Fac nos ut in via Ducas cursu pro- spero. Et in agonia Tu nobis assiste O dulcis Maria. Amen. i$. Deo gratias. |
;
iiiuiumi m ii miiiiiii in 11111:111 ui miin ii iiiiiiiiiiiminiiimn
382
LITANIE
TER EERE
VAN HET HEILIG HART VAN MARIA.
(Voor eigen gebruik.)
= /~gt;-v
ybj EER, ontferm u onzer.
(Siquot; Christus, ontferm u onzer.
Heer, ontferm n onzer.
Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God hemelsche Vader, ontferm u onzer,
God Zoon, Verlosser der wereld, ontferm
u onzer.
God H. Geest, ontferm u onzer. H. Drievuldigheid, één God, ontferm u onzer.
Hart van Maria, zonder vlek ontvangen, Hart van Maria, onder alle harten ge- S zegend, ^
Ootmoedig Hart van Maria, o
Zuiverst Hart van Maria, 2
Minnelijkst Hart van Maria, o
Hart van Maria, rustplaats van de al- S
iiiMlIiiitiiliiiiiimimiii
iMmiiiimiimiitiiiniiiiiiiiiiiiimiiiiiinmiiiiiiiiiiiiiiiiiii-
383 1
(iiiiiirmiiiiMMiimiiiiiiiiiimimiiiiiimmiiimimmniiiimuiiiiiiiiiimiiiiMiiiiiiif
i lerheiligste Drievuldigheid,
I Hart van Maria, zeer gelijkvormig aan
= het allerheiligste Hart van Jezus,
| Hart van Maria, tabernakel van God,
| Mensch geworden op den dag uwer
§ boodschap,
| Hart van Maria, met nieuwe genaden
1 in uw bezoek bij Elizabeth vervuld,
i Hart van Maria, woonplaats van Jezus,
| Hart van Maria, overgoten met blij d-
i schap in de geboorte van Jezus,
i Hart van Maria, vol van verwonde-
| ring, in de aanbidding der Wijzen,
= Hart van Maria, met het zwaard van
| droefheid, volgens de voorzegging
i van den H. Simeon in uwe zuivering, Squot;-
| doorstoken,
| Hart van Maria, vol zorg en angst in o
1 de vlucht naar Egypte, °
| Hart van Maria, bedrukt over het ver-
i lies van Jezus, en weder verblijd §
| over zijne vinding in den tempel, â¢tquot;
= Hart van Maria, met dat van Jezus in
I den hof der Olijven door droefheid
| bevangen,
i Hart van Maria, wreed verscheurd in
| zijne geeseling,
i Hart van Maria, inwendig met door-
| nen doorstoken in zijne kroning,
I Hart van Maria, vol angst en benauwd-
i heden in de ontmoeting van Jezus,
| zijn kruis dragende,
1 Hart van Maria, deelende in al de
'I
miiiiimi
II1IIIIIIIMIIIIMIIM IJ Itll i II M I HUI I MI III I tl II M I Mill Hill Hill Mill 11)11 lllllllllllllllïillltll
pijnen en smarten van Jezus,
Hart van Maria, met Jezus aan het
kruis genageld, i
Hart van Maria, overgoten met droefheid in den dood van Jezus, | Hart van Maria, met Jezus in het graf i gelegd, | Hart van Maria, tot de blijdschap ver- 1
rezen in de verrijzenis van Jezus,
Hart van Maria, verrukt door liefde |
in de verschijning van Jezus,
Hart van Maria, vervuld door eene onuitsprekelijke vreugd in de he- | mei vaart van Jezus, i
Hart van Maria, door eenen nieuwen £ | overvloed van genaden in de ne- ^ i derdaling van den H. Geest gehei- g i ligd, -s |
Hart van Maria, boven alle gelukza- o i ligen verheven op den dag uwer S | hemelvaart, quot; |
Hart van Maria, toevlucht der zondaren, | Hart van Maria, bescherming der i rechtvaardigen, | Hart van Maria,gesteldaan de rechterhand van Jezus in den hemel,
Hart van Maria, wellust der maagden.
Hart van Maria, troost der bedrukten
en zieken, |
Hart van Maria, hoop der stervenden.
Hart van Maria, blijdschap der Engelen en Heiligen,
tlllllllllllllllllMMIIIIIIIIIIIIMirniMMilllllllllltlllllllllllllllllllllllllllNIIIIIII^IIIHt
385 25 i
aiiiiimiiiiiiiiiimnimimmmim'iiimiiiiiiimiumiiJimiiiMiM'Mimmmmiiiir
1 Lam Gods, dat de zonden der wereld weg-
| neemt, spaar ons, Jezus!
1 Lam Gods, dat de zonden der wereld weg-
1 neemt, verhoor ons, Jezus!
1 Lam Gods, dat de zonden der wereld weg-
I neemt, ontferm u onzer, Jezus!
| ^.0 Heilige Maagd, gedoog dat ik u
i love.
i eJ. Geef mij sterkte tegen uwe vijanden.
= LAAT ONS HIDDEN.
i Heilige Maria, Moeder van onzen Heer
| Jezus Christus, en Koningin der wereld,
i die niemand verlaat, noch verstoot, aan-
| zie mij met een barmhartig oog, verhe-
i vene Vrouw! en bekom mij bij uwen Zoon
i vergeving van al mijne zonden, opdat ik,
| nu in den geest, met alle mogelijke liefde
i en lof de verdiensten van uw heilig en
| onbevlekt Hart overwegende, hierna de
| kroon der eeuwige zaligheid verkrijge,
i door onzen Heer Jezus Christus, die leeft
| en heerscht met God den Vader in de
i eenheid van den H. Geest, in alle eeuwen
1 der eeuwen. Amen.
«iiiiiüiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiini
1 386
'iictnie
ZEVEN DROEFHEDEN VAN MARIA,
(voor eigen gebruik).
;EtR, ontferm U onzer.
Christus, ontferm U onzer.
= «h
Qfy-n Heer, ontferm U onzer.
Christus, hoor ons. |
Christus, verhoor ons. |
| God, hemelsche Vader, ontferm u onzer. i
= God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm |
U onzer. =
| God, Heilige Geest, ontferm U onzer. |
i Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U i
onzer. |
: Maria, diepbedroefde Moeder, bid voor ons. h
iiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiMMMiiMiiTiiim
387 I
iiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiimiiumiMiimiiimiimiiiiiiiiiiiiiiimitiini
i die te Bethlehem in de herberg geene plaats hebt gevonden, en in een stal uw verblijf hebt moeten nemen, | die uwen eerstgeboren Zoon moest
nederleggen in eene kribbe,
i die de pijn der besnijdenis uws Zoons | in uw moederhart hebt gevoeld,
ï die hooren moest dat uw Zoon tot | een teeken gesteld was, hetwelk
velen zouden tegenspreken,
1 i-T die van den grijzen Simeon vernomen 1 -S hebt. dat uw hart met een zwaard 1 o van droefheid zou doorgriefd wor-| S den, 51
I die in den nacht met uw goddelijk lt; | 2 Kind naar Egypte moest vluchten, g 1 g die uwen verloren Zoon drie dagen -t | ^ moest zoeken, eer gij Hem in den g | tempel wedervondt. V
1 o- die vaak treurdet over den haat der Joden tegen uwen Zoon, hunnen Messias,
die, na het laatste Avondmaal, van uwen Zoon een droevig afscheid genomen hebt,
die uwen Zoon door Judas verraden, en door de Joden zaagt gevangen nemen.
die vernemen moest, dat uw Zoon als een misdadiger aan het gerecht was overgeleverd,
die gehoord hebt dat uw Zoon als een godslasteraar beschuldigd en ter 1 dood veroordeeld was,
â iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiu
«lillMillllillliinquot;
= Q
1 388
| |
iiiiiiniiiiiiiimiiiimmiimmMiiuiiiiiimiimiimiiiiiiimimmiimiiiiiiiiiiiiTiiiiin
~ t.
| die vernomen hebt, dat het H. Aan- |
| gezicht uws Zoons door kaak- en i
5 vuistslagen onteerd werd,
= die Jezus aan den heidenschen land- |
| voogd Pilatushebtzien overleveren,
= die Hem door Herodes en diens hof |
| bespot zaagt,
= die uwen Zoon gegeeseld en met |
| doornen hebt gekroond gezien, |
= die Barabbas boven uwen Jezus zaagt i
= kiezen, |
| u die het onrechtvaardigst doodvonnis =
= -S tegen uwen Zoon hebt hooren uit- i
i o spreken, 2! |
| S die uwen met het kruis beladen Zoon =
= zijt te gemoet gegaan, lt; |
| C2 die de gezegende handen en voeten o r
E o van uwen lieven Zoon met folte- i
= -a rende nagelen hebt zien doorboren, o |
| .o die hooren moest hoe uw Zoon, aan i» =
= amp;⢠:t kruis hangenti, nog bespot werd, |
= q die de laatste woorden uws Zoons van = ï :t kruis hebt opgevangen,
: die van Hem hooren moest hoe Hij |
i zich als van God verlaten gevoelde, ï
die Hem hoorde klagen dat Hij dorst |
had, |
die uwen Zoon inden doodsstrijdzijt i
bijgebleven, :
die zaagt hoe de zijdeen het Hart uws |
Zoons met eene lans doorstoken | werd,
die t ontzielde lichaam van uwen Zoon |
in uwen moederlijken schoot ont- i LU'iiiiiiiiiiiimiiMimiiiimimimiimiimmimiimimimiimmmimmmijiiiiiii
389 1
.....................................................................
= vangen hebt, bid voor ons. i
à Diepbedroefde Moeder, die uwen Zoon =
| zaagt begraven, en zielsbedroefd het er Ã
| graf verliet, ^ :
= Maria, spiegel aller bedroefden, lt; :
= Maria, bijstand der kranken, § [
| Maria, steun der kleinmoedigen, ^ :
= Maria, toevlucht der zondaren, g j
| Maria, Koningin der Martelaren, y \
i Door het bitter lijden en den dood van uwen §
i Zoon, help ons, o Maria.
1 Om de folteringen van uw moederhart, help [
\ ons, o Maria.
| Om uwe overgroote droefenis en zielesmart, j
= help ons, o Maria. j
i Om uw mateloos zielelijden, help ons, o j
= Maria. j
i Om uw zuchten en geween, help ons, o j
| Maria. ;
| Door uwe vermogende bescherming, help :
i ons, o Maria.
= Wij, zondaren, wij bidden u, verhoor ons.
i Dat gij ons voor kleinmoedigheid, onge- 0. ;
| duidigheid en overmatige droefheid ~n' i
i wilt bewaren, a
1 Dat gij ons voor alle gelegenheid en ge- Pquot;
| vaar van te zondigen wilt behoeden,
H Dat gij ons voor onboetvaardigheid en cr
| versteendheid des harten wilt bewaren, p-
= Dat gij ons voor een onvoorzienen en c
| ongelukkigen dood en voor de eeuwige ^
= verdoemenis wilt behoeden, F
| Dat gij ons door uwe voorbede, in het P
iiiiii'iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiKiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
1 390
l
.
iiruiiMMi mil ui it 1111 ii I mi M niii it I min ui I iiiiiiiiii 11 iiiiiMiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiïiiiiiit
I geloof, de hoop en de liefde wilt be- i
I waren, n' i
I Dat gij ons bij uwen Zoon eene vol- a i
| maakte droefenis en een oprecht be- Pquot; i
5 rouw over onze zonden wilt verwer- |
i ven. ^ 1
= Dat gij ons, die u aanroepen, steeds E |
= troost en hulp wilt verleenen, 'c |
| Dat gij ons in het uur des doods wilt bij- lt; i
H staan, Jj. =
| Koningin der Martelaren, o i
| Lam Gods, dat wegneemt de zonden der |
| wereld, spaar ons. Heer, |
= Lam Gods, dat wegneemt de zonden der i
= wereld, verhoor ons, Heer,
| Lam Gods, dat wegneemt de zonden der |
§ wereld, ontferm U onzer. |
à Christus, hoor ons. 1
i Christus, verhoor ons.
I LAAT ONS BIDDEN.
i O Koningin der Martelaren, die het i
| zwaard, U door Simeon in den tempel voor- |
| speld, met de grootste smart, doch met ge- =
| duld en liefde, gedurende al het lijden van i
| uwen Zoon, in uwe ziel gevoeld hebt : wij |
| bidden U, laat dit zwaard ook onze harten i
| doorsteken, opdat wij de onuitsprekelijke |
| smarten uws Zoons, en uwe allergrootste i
| droefheid in onze zielen mogen gevoelen, i
| om ons daarna met U te verblijden in eeu- |
| wigheid. Amen. |
iinniiiiiiimiimiimimiriiimiiiimiiimmiiiiimiimiinmiuiimiMiiiiiiniiiiiiiiiii
1 391 i
GEBEDEN
MET AFLAAT VERRIJKT
VOLGENS DE HACOLTA.
= OEFENING
1 TER EERE VAN HET BEDROEFDE HART | Ã VAN MARIA.
|
Deus in adjuto-rium meum in-tende. Domine ad ad-juvandum me festina. = gt;' |
0 God, zie toe tot mijne hulp. Heer, haast U om mij te helpen . |
| I. Ik gevoel medelijden met U, o | Maria, Moeder van Smarten, om de ) auiiifiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii 1 392
iiiimiiiumiiiminiimiiiiiiiiiiiniiimiiimiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiuiiiuiiiiiiiiiiiiii
I droefenis die uw teeder Hart leed bij 1
1 de profetie van den H. Grijsaard i
| Simeon. Teedere Moeder, door Uw |
| zoo bedroefd Hart, verwerf mij de |
deugd van Nederif
heid en de gave der
i H. Vreeze Gods. Ave Maria, enz.
II. Ik gevoel medelijden met U, o | 1 Maria, Moeder van Smarten, om de 1
benauwdheden die uw zoo gevoelig |
Hart leed bij uwe vlucht naar en uw 1
verblijf in Egypte, Teedere Moeder, |
door uw zoo wreed beproefd Hart, ver- 1
| werf mij de deugd van Milddadigheid, |
1 bijzonder ten gunste der armen, en de 1
| gave derGodsvrucht. Ave Maria, enz. |
III. Ik gevoel medelijden met U, o 1 | Maria, Moeder van Smarten, om de | 1 angsten, die uw zoo bezorgd Hart 1 | ondervond bij het verlies van uwen | 1 lieven Jezus. Dierbare Moeder, door 1 | uw zoo hevig geschokt Hart, verwerf | | mij de deugd van Zuiverheid en de | | gave van Wetenschap. AveMaria,lt;inz. |
IV. Ik gevoel medelijden met U, o | | Maria, bedroefde Maagd, om de ver- | | plettering die uw moederlijk Hart |
Miiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiigt;
393 i
w
«iiiiiijiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiinf]
1 ondervond bij de ontmoeting van Jezus
| met het Kruis beladen. Teedere Moe-
1 der, door uw liefderijk en zoo hevig
| gefolterd Hart, verkrijg mij de deugd
| van Geduld en de gave van Sterkte.
1 Ave Maria, enz.
i V. Ik gevoel medelijden met U, o 1 Maria, Moeder van Smarten, om het | martelaarschap, dat uw grootmoedig i Hart onderging bij het staan naast het | Kruis van uwen stervenden Jezus, i Lieve Moeder, door uw zoo gemarteld | Hart, verkrijg mij de deugd van Mali tigheid en de gave van Raad. Ave | 'Maria, enz.
| VI. Ik gevoel medelijden met U, o
1 Maria, Moeder van Smarten, om de
| wonde, die uw medelijdend Hart ver-
| scheurde bij den lanssteek, welke de
| zijde van Jezus trof en zijn allerbe-
1 minnelijkst Hart doorboorde. Lieve
| Moeder, door uw op die wijze doorsto-
1 ken Hart, verkrijg mij de deugd der | broederlijke Liefde en de gave van | Verstand. Ave Maria. enz.
| VIL Ik gevoel medelijden met U,
iiiiiiiTiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiniiiiil
à 394
i 1 i J
li
lli
ijiiiiiiiiiiimiiiiimimiiiimiiiiMiiiiimiimiiiiiiiiiimmmmmiiiMiiiMmiiiiiiiiir
o Maria, Moeder van Smarten, om de |
bovenmatige droefheid, die uw teer- i
beminnend Hart bij de begrafenis van |
Jezus ondervond. Lieve Moeder, door i
uw H. Hart, met de grootste bitter- 1
beid verzadigd, verkrijg mij de deugd |
van Naarstigheid en de gave vanWijs- 1
heid. Ave Maria, enz. |
|
Ora pro nobis, Virgo doloro-sissima. Ut digni effici-amur promissi-onibus Christi. Oremus. Interveniat pro nobis, quaesumus, Domine Jesu Christe, nunc et in hora mortis nostrre apud tuam clementiam Beata Virgo Maria Mater tua, cuius sa-y. Bid voor ons, | allerdroevigste 1 Maagd, |
s. Opdat wij de i beloften van | Christus waar- i dig worden. Laat ons Bidden. 1 Wij smeeken | u. Heer Jezus | Christus, laat de | gelukz. Maagd | Maria uwe Moe- | der èn nu èn in 't 1 uur onzes doods | bij uwe goeder- 1 tierenheid voor i |
ItllllllllllllllllllllllllMIIIIIIMIIIIIIIIIIIIItlllllltlllllllllllllJIIIHII
395 I
mmiiiiii â¢â¢â¢liimiiMim
uiimimiiiimiiMimimiimiimiiiiMimiiMiiiiiiimmmmMMimmMmmiiimmn
|
cratissimam ani-mam in hora tuse Passionis doloris gladius pertransi-vit. Per Te, Jesu Christe, Salvator mundi, qui cum Patre et Spiritu Sancto vivis et regnas, etc. «. Amen. |
ons ten beste spreken, zij wier allerheiligste ziel in 't uur uws lijdens een zwaard van droefheid doorstoken heeft. Door U, Jezus Christus, Zaligmaker der wereld, die met den Vader en den H. Geest leeft en regeert, enz. «. Amen. |
Paus Pius VII, bij Rescript van den 14 Januari i8i5, verleende ;
Een Aflaat van 3oo dagen aan alle Ge-loovigen, telkens als zij, ten minste met rouwmoedig hart, deze H. Oefening godvruchtig verrichten.
0XX0
KRANS DER TWAALF STERREN, SAMENGESTELD DOOR DEN HEILIGEN JOZEF CALASANZIUS.
Loven en danken wij de allerheiligste Drievuldigheid die ons de Maagd Maria toonde, bekleed met de zon,
imiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiimiiinmnmiiiiiiiiiiiiiiiiimiimiiiiiimiiiiiiimiimiiiii
1 ' 396
IIITTiiïlllllMUI in IIIIIIIM I ⢠llll llll lllllll I lllllllli llllllllllllllllllll tlllllllllllllllllllllll
met de maan onder hare voeten, en 1
met eene geheimzinnige kroon van | twaalf sterren om haar hoofd.
k. In scecula sceculorum. Amen.
In de eeuwen der eeuwen. Amen. 1
Loven en danken wij God den Va- i
der, die haar tot zijne Dochter uitkoos, i s. Amen. Pater noster.
Geloofd zij God de Vader, die haar i
voorbeschikte tot Moeder van zijnen |
Goddelijken Zoon. |
Amen. Ave Maria. \
Geloofd zij God de Vader, die haar |
in hare Ontvangenis voor alle smet 1
vrijwaarde. |
r. Amen. Ave Maria. 1
Geloofd zij God de Vader, die haar |
in hare Geboorte met de grootste voor- |
rechten versierde. |
fi. Amen. Ave Maria. |
Geloofd zij God de Vader, die haar |
den zeer kuischen H. Jozef tot med- 1 gezel en Bruidegom schonk.
«. A men. A ve Maria en Gloria Patri. |
Loven en danken wij God den Zoon, |
iiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiliiiiin
397 1
iiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiimimiiminiiiiiiMiiiimnmmmmmimmnimiinmiiiij
1 die haar tot zijne Moeder uitkoos. | Amen. Pater noster.
1 Geloofd zij God de Zoon, die in ha-| ren schoot het vleesch aannam en er | negen maanden in rustte. 1 «i. Amen. Ave Maria.
| Geloofd zij God de Zoon, die van 1 haar geboren en met hare moedermelk | gevoed werd.
1 «. Amen. Ave Maria.
| Geloofd zij God de Zoon, die in zijne 1 kindsheid door haar wilde opgevoed | worden.
1 s. Amen. Ave Maria.
| Geloofd zij God de Zoon, die haar 1 de geheimen van de Verlossing der | wereld openbaarde.
| s. A men A veMaria en Gloria Patri.
i Loven en danken wij God den H. 1 Geest, die haar tot zijne Bruid aannam. 1 «. Amen'. Pater noster.
1 Geloofdzij God de H. Geest, die aan | haar het eerst zijn naam van H. Geest i openbaarde.
wmfiiiiimimiiiiuimiiiiiiiiiiMMmiinmmmmniiimiiiimiimiiminimiiiiii
1 398
mimiin «â¢quot;â¢quot;â¢â¢'quot;quot;'â¢quot;quot;quot;â¢â¢quot;quot;quot;quot;iiiiMiiiiiiiiMiiiniiimiiimmiiiiimimiMimmiMiTiiiii»
s. Amen. Ave Maria. I
Geloofd zij God de H. Geest, door |
wiens werking zij terzelfder tijde |
Maagd en Moeder is geweest. |
s. Amen. Ave Maria. \
Geloofd zij God de H. Geest, door |
wiens kracht zij de levende tempel |
was der allerheiligste Drievuldigheid. I
Amen. Ave Maria. |
Geloofd zij God de H. Geest, door |
wienzij in den hemel boven alle schep- |
selen verheven is geworden. I
Amen. Ave Maria en (Horia Patri. |
Voor de H. Katholielie Kerk, voor |
de verspreiding des geloofs, voor den 1
vrede onder de Christen Vorsten, en f
voor de uitroeiing der ketterijen. I
Salve Kegina, etc. bl. 403. i
Paus Gregorius XVI, bij Decreet van de H. Con- Ã
gregatie der Aflaten, 8 Januari i838, verleende aan i
alle Geloovigen, telkens als zij godvruchtig en met =
een rouwmoedig hart genoemden Krans bidden: Ã
Een Aflaat van loodagen. i
MiiiiiiiiiiiiiMiMiiiiiiiiiMiiiiiiiiMiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiim
399 1
iiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimimiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiiii
AKTEN VAN VEREERING.
I. Ik vereer u uit geheel mijn hart, o allerheiligste Maagd, boven alle Engelen en alle Heiligen des hemels, als de Dochter van den Eeuwigen Vader; verders wijd ik u mijne ziel toe met al hare vermogens.
Ave Maria, enz.
II. Ik vereer u uit geheel mijn hart, en boven alle Engelen en alle Heiligen des hemels, o allerheiligste Maagd Maria, als de Moeder van den Eenigen Zoon Gods ; ook wijd ik u toe mijn lichaam metal zijne zinnen.
Ave Maria, enz.
III. Ik vereer u uit geheel mijn hart, en boven alle Engelen en alle Heiligen des hemels, o allerheiligste Maagd Maria, als de geliefde Bruid des H. Geestes ; ook wijd ik u mijn hart met al zijne genegenheden, en ik bid u, voor mij van de allerheiligste Drievuldigheid alle genaden te ver-
iimimiiiiiiiiiiiiiiiimiiiimiiiinmiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
400
iiiiiiiiiiiigiiiïiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiiiiiiiniiiiiiiiMiiiiiiinimiiiiir
I krijgen, die voor mijne zaligheid nood- |
| zakelijk zijn. 1
i Ave Maria, enz. |
= Paus Dio XII. door een Rescript van 21 October =
= 1823, vergunde aan alle Geloovigen, telkens als zij, E
= godvruchtig en met rouwmoedig hart, deze gebeden 5
= bidden met drie Ave Maria's, ter eere der H. Maagd, =
r om hare bescherming te vragen in de beoefening der =
E heilige deugden, en in het bijzonder van de zuiver- E
§ heid. E
E Een Aflaat van 100 dagen. E
E Een vollen Aflaat aan hen die ze, op boven- E
= vermelde wijze, gedurende eene geheele maand heb- E
E ben gebeden, aan het einde dier maand, op een dag E
E volgens hunne keuze, mits zij waarlijk rouwmoedig E
= biechten, communiceeren en bidden volgens de in- E
E tentie van Z. H. E
E Deze Aflaten, de volle en de gedeeltelijke, werden Ã
E voor altijd bevestigd door Z. H. Paus Pius IX, door E
E een Rescript van den 18 Juni 1876. E
GEBED,
|
0 Mijne Meesteres, o mijne Moeder, ik offer mij geheel aan U op,enomtetoonen ik 1JI dat ik U toebe-3te ||| hoor, wijd ik U heden mijne oo- |
0 Domina mea, 0 mater mea: Tibi me totum offero, atque ut me Tibi probem devotum, consecro Tibi ho-die oculos meos aures meas os me- |
iiiiiJiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiwiimiiiiiiiiimiimmiinimiitiiiiiiiiiiiiiiinmiiiiiiiiiiiin
401 26 =
iiiiiiiiiiiiiimiuiiimimiiiiiiiiiiuiiiiiniiiiniiiiiiitiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiumiiliiiiiitifi.
|
gen, mijne ooren, mijnen mond, mijn hart, ja geheel mij zei ven. Daar ik clan de uwe bon, o goede Moeder, zoo bewaar mij, verdedig mij als uw eigendom en uwe um, oor meum. plane me totum, Quoniam itaque tuussum, o bona Mater, serva me defende me, ut rem ac possessionem tuam. |
bezitting.
VERZUCHTING,
|
O mijne Meesteres! o mijne Moeder! Gedenk dat ik U toebehoor ! Bewaar mij, verdedig mij. als uw eigendom en uwe bezitting. Wees gegroet, Maria, enz. |
ODominamea, o Mater mea; memento me esse tuum. Serva me, defende me, ut rem ac possessionem tuam. Ave Maria, etc. |
H Z. H. Pius IX, door een Decreet van de H. Con- = | gregatie der Aflaten, 5 Augustus i85i, verleende aan =1
iiiifniiiiiimiiiiiiiUMiMMimiimiitiiiiimimtmiiiiimiiimmiiiiiMimiiiiiiininf
I 402
iiiiiiiiiiiJiiiiiiiiiiiniiimiiimiiiiiiiniiiMiimimiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiimiiimiiiiiiiiiin
~ .... ~
5 alle Geloovigen, die met vurigheid en met een rouw- §
= moedig hart 's morgens en 's avonds een Ave Maria i
= bidden met genoemd Gebed en Verzuchting om van E
E de allerh. Maagd de overwinning af te smeeken in de E
E bekoringen, voornamelijk tegen de zuiverheid : 5
E Een Aflaat van 100 dagen, eens per dag. E
E Een vollen Aflaat eensin de maand, aan hen, Ã
E die, ze eene maand lang op bovenvermelde wijze E
E dagelijks hebben gebeden, op een dag naar verkie- E
E zing,wanneer zij, waarlijk rouwmoedig, biechten, E
E communiceeren, eene kerk of openbare bedeplaats =
E bezoeken, en daar eenigen tijd bidden volgens de =
E intentie van Z. H. E
E Een Aflaat van 40 dagen telkens als men E
E met een rouwmoedig hart en godvruchtig, in de be- E
E koring, de korte Verzuchting: « O mijne Meesteres » §
E enz. bidt. E
SALVE REGÃNA. SUB TUÃM PRESIDIUM.
|
Wees gegroet, 0 Koningin, Moeder der barmhartigheid, ons leven, onze zoetheid en onze hoop, wees gegroet. Tot U roepen wij, ballingen, Eva's kinderen. Tot U ver- |
Salve, Regina, \ Mater misericor- f dia;, vita, dulcedo | et spes nostra sal- | ve. Ad te clama- | raus exules filii | Hevfe. Ad Te sus- | piramus gementes i et flentes in hac I lacrymarum val- h |
liiiiiiiijiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiin
ï 403 1
iiiiiimiimMmnitiiiiiiniiiiiiiitiMiiMiiiiitiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiinii
|
I zuchten wij, kla-1 gend en weenend 1 in dit ons tranen-1 dal. Welaan dan. | onze Voorspraak, 1 keer toch uwe | oogen, zoo vol 1 goedertierenheid, | tot ons,en vertoon i ons, na deze onze | ballingschap, Je-i zus, de gezegende | vrucht van uwen | schoot. O goeder-| tierene, o liefde-| volle , o zoete | Maagd Maria. 1 f. Sta mij toe U te | prijzen, Heilige 1 Maagd | «. Geef mij kracht i tegen uwe vij-| anden. 1 ?. Gezegend zij | God in zijne 1 Heiligen, i «. Amen. |
Ie. Eia ergo, Ad-vocata nostra, il-los tuos miseri-cordes oculos ad nos con verte. Et lesumhenedictum fructum ventris tui nobis post hoe exilium ostende, Oclemens, o pia, o dulcis Virgo Maria. f. Dignaremelau-dare te, Virgo sacrata. si. Da mihi virtu-tem contra hos-tes tuos. f. Benedictus Deus in Sanctis suis. «. A.men. |
miiiixuiiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiimiiiiniiiiuiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiniiiiiiiiiiimiiiiiiin'
1 404
â
iiiMimniMmimmiiimMmiiitinmiMmimmiiMiiMiimiimimiiiiiimiiiiiiiirniiiii
|
Onder uwe bescherming nemen wij onze toevlucht , Heilige Moeder Gods; versmaad onze smeekingen niet in onze noodwendigheden, maar bevrijd ons altijd van alle gevaren, o glorierijke en gezegendeMaagd. Sta mij toe, enz (als boven). |
Sub tuum pras-sidium confugi-gimus, Sancta Dei Genitrix. nostras deprecationes ne despiciasin neces-sitatibus nostris, sedapericuliscun-ctis libera nos semper Virgo, glorio-sa et benedicta. Dignare, etc. |
*.
IlillllllllllMIIIMIillllllllllllllllllMllllllllllllllilllilliiHiiiiilllllllllllliillllllllllTlllllI
= 405 =
1 i
|f amp; z
LITANIE
ff EI LI GE ^flAAGD
â Clt;S)
|
Heer, ontferm U onzer. Christus, ontferm U onzer. Heer, ontferm U onzer. Christus, hoor ons. Christus, verhoor ons. God, hemelscheVa-der, ontferm U onzer. God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U onzer. God, Heilige Geest, ontferm U onzer. |
Kyrie, eleison. Christe, eleison. Kyrie, eleison. Christe, audi nos. Christe, exaudi nos. Pater de ccelis Deus, miserere nobis. Fili, Redemptor mundi. Deus, miserere nobis. Spiritus Sancte, Deus, miserere |
mimNtiuiinunitimiinimmiimiiimimiiiiimmiiuiiiiiniimiiimniiiimiMitiiiii|
1 406
Heilige Drievuldigheid, één God,
ontferm U onzer.
Heilige Maria, bid
voor ons.
Heilige Moedor
Gods, b. v. o.
Heilige Maagd dei-maagden, b. v. o.
Moeder van Christus, b. v. o.
Moeder der Goddelijke genade, b.
v. o.
Allerreinste Moeder, b. v. o.
Allerkuischte Moeder, b. v. o.
Ongeschondene
Moeder, b. v. o.
Onbevlekte Moeder, b. v. o.
MinnelijkeMoeder,
b. v. o.
Wondervolle Moeder, b. v. o.
Moeder des Scheppers, b. v. o.
Moeder des Zaligmakers, b. v. o.
Allervoorzichtigste
Maagd, b. v. o.
Eerwaard. Maagd, iiiliiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiinniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniimt 407 1
lllTMiiiiMtiiiMtiilinniiiitiniitMitutiniitnnniniiMitintttttiMtnitiiiiiiiitiliNiMititil
nobis. i
Sancta Trinitas, |
unus Deus, mi- |
serere nobis. 1
Sancta Maria, ora |
pro nobis. |
Sancta Dei Geni- i
tris, ora. |
Sancta Virgo virgi- ;
num, ora. |
Mater Christi, ora. i
Mater divinse gratiss, ora.
|
Mater |
purissima, i |
|
ora. |
§ |
|
Mater |
castissima, | |
|
ora. |
; |
|
Mater |
inviolata, | |
|
ora. | |
|
Mater |
intemerata, i |
|
Mater |
amabilis, = |
|
ora. |
= |
|
Mater |
admirabilis, | |
|
ora. |
= |
|
Mater |
Creatoris, | |
|
ora. |
s |
|
Mater |
Salvatoris, i |
|
ora. | |
|
Virgo |
prudentissi- = |
|
ma. |
ora. ï |
|
Virgo |
veneranda, i |
â
ailllllllllKIMnMIIIIIIIIIIIIIIIIMIIIIIIIIIItlllinitllMIIIIIIIMIIIIMIIIUIIIIIIIIIIIIIIIIIllMlliM,iihiiiiiii
I ^
I E
i i
I 1
I 1
I K
I E
i i-
I r
i I-
i i
I h
I !⢠i i'
i I'
| I
«iiiiiijiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiiiimiiiiiiiimiiiniiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiyii'Viiiiiiiiiii
408
|
ora. |
= |
|
Virgo prcedicanda, = | |
|
ora. |
= |
|
Virgo |
potens, | |
|
ora. |
= |
|
Virgo |
clemens, | |
|
ora. |
| |
|
Virgo |
11 d e 1 i s, i |
|
ora. | |
|
Speculum justitie, = | |
|
ora. | |
b. v. o.
Lofwaard. Maagd, b. v. o.
Machtige Maagd, b. v o.
Goed ertierene Maagd, b. v. o.
Getrouwe Maagd, b. v. o.
Spiegel der rechtvaardigheid , b. v. o.
Zetel der Wijsheid, b. v. o.
Oorzaak onzer Vreugde, b v. o.
Geestelijk vat, b. v. o.
Eerwaardig vat, b. v. o.
Schoon vat van godsvrucht, b. v. o.
Geheimzinnige Roos, b. v. o.
Toren van David, b. v o.
IvorenToren.b.v.o.
Gulden Huis, b.v.o.
Ark des Verbonds, b. v. o.
Deur des Hemels, b. v. o.
Sedes sapientise, =
ora. |
Causa nostras lïeti- =
tise, ora. i
Vas spirituale, ora. |
Yas honorabile, |
ora. |
quot;Vas insigne devo- i
tionis, ora. |
Rosa mystica, ora. |
Turris Davidica, |
ora. |
Turris eburnea,ora |
Domus aurea, ora. |
Foederis area, ora. |
Janua cceli, ora. 3
|
Behoud der zieken, b. v. o. Toevlucht der zondaren, b. v. o. Troosteres der bedrukten, b. v. o. Hulp der Christenen, b. v. o. Koningin der Engelen, b. v. o Koningin der Oud-vaders, b. v. o. Koningin der Profeten, b. v. o. Koningin der'Apostelen, b. v. o. Koningin der Martelaren, b. v. o. Koningin der Belijders, b. v. o. Koningin der klaagden, b. v. o. Koningin van alle Heiligen, b. v. o. Koningin zonder erfsmet ontvangen, b. v. o. Koningin van den allerheiligsten Rozenkrans, b. v. o. Lam Gods, dat de quot;'iiM'iniQiiuuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiniiiiuiiiiiiiiiiiruiii» = Morgenster, b.v o. i I = |
Stella matutina, = era. i Salus infirmorum, | ora. = Refngium peccato- | rum, ora. | Consolatrix affli- i ctorurn, ora. | Auxilium Christia- jj norum. ora. i Regina Angelo- | rum, ora. = Regina Patriarcha- | rum, ora. | Regina Propheta- i rum, ora. | Regina Apostolo- jj rum, ora. | Regina Martyrum, | ora. 1 Regina Confesso- | rum, ora. i Regina Virginum, | ora. = Regina Sanctorum | omnium, ora. | Regina sine labe i originali con- | cepta, ora. Regina Sacratissi- | mi Rosarii, ora. 1 Agnus Dei, qui | |
iiiiiiiiiimimiimiiiiimiMiiiimmmiiMiiimmimimiiiiiiMitmMiiiiimmmimiim»
I 409 1
liiimiiiimiiiiimiiiiiiiiiiiiiimiiiiiimiiiiiiiiimimiimiimiiimiiiiiiiii
|
zonden der wereld wegneemt, spaar ons, Heer. Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, verhoor onsHeer. Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, ontferm U onzer. f Bid voor ons H. Moeder Gods. Opdat wij de beloften van Christus waardig worden. |
tollis peccata mundi, paree nobis, Domino, Agnus Dei, qui tollis peccata mundi, exaudi nos, Domine. Agnus Dei, qui tollis peccata mundi, miserere nobis. Ora pro nobis, sancta Dei Geni-trix. e). Ut digni effl-ciamur promissio-nibus Christi. |
LAAT OXS BIDDEN.
OREMUS.
|
Wij bidden U, o Heer, stort uwe genade in onzeharten, opdat wij,die door de boodschap des Engels de Mensch-wording van Christus uwen Zoon hebben leeren kennen, door zijn Lijden en Kruis tot de glorie der verrijzenis mogen geraken. Door |
Gratiam tuam, qusesumus, Domine, mentibus no-stris infunde, ut qui, Angelo nunti-ante, Christi Pilii tui Incarnationem cognovimus, per Passionem ejus et Crucem, ad Resur-rectionis gloriam perducamur : Per eumdem Christum |
imiiimiiiiiimimimmiiimiimiiimiuiintmiuu'iiiiiiiMiiiiiiiiimiiii
410
iiiiimmiiiiiiimimiiiiimmimimmiiiiiiimiMMiiiiiitMmiiMmniii
denzelfden Jezus Dominum nostrum. Christus onzen Amen.
Heer. i^, Amen.
liiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiimiiniiiiimiiiiiiimiiiiiiimii
411
ïïl
uiiiiQiiiniiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiitiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiuiiiiiiiiiiiiuiilffllwlffniiii
« Onze Vrouwe, onze Middelares, onze Voorspreekster ! »
^|ij zijtmijn ster in donkren nacht, =
De balsem mijner wonden; |
'jGij hebt mij troost en heil gebracht i
In zooveel bittre stonden! i
Ik heb U lief, o Moeder mijn, =
Met kinderliefde en trouwe: |
Wat zou ik arm, ellendig zijn, = Mocht ik op U niet bouwen !
Wat ook mijn kwijnend hart behoeft, |
Ik durf het aan U klagen, =
Heb ik ooit Jezus' Hart bedroefd, |
'k Durf U verzoening vragen! f
t 412 lil
iniminiiffniTiiiiiiniiiiiiiuiiiinniiiiiuiiiinniiiiiiuiiiniiiinnniiMiiniiiiiiiNiiiiiiimiiijimir
En alle schuld wordt weggevaagd, |
Genade druppelt neder.
En aan uw hand, o teedre Maagd, | Keer ik tot Jezus weder!
Gij zijt de zoete Midlares =
In eiken nood en lijden, |
Gij zijt der droeven troosteres, 1
't Behoud van hen, die strijden! |
Gij waart met mij ten allen tijd, O Maagd, in nood en smarte.
Wees ook met mij ten laatsten strijd, | Meest'res van Jezus' Harte! H
1
1 I
E I
uiiiiiifjii niinniiniiiiiiiiiiiiiiimiimiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiimiiiiiiiiiiiimiiiiiiinuiiiiiiiiiuiiiiiiii
1 413 i
iiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiijiiiiiiiijiiiiiiiriiiliiriiiiiii
0. L, VROUW VAN HET H. HART. | |
5,nz' Lieve Vrouw van 't Heilig Hart, Zie ons om mven troon,
bieden u ons kinderhart Bij 't Hart van uwen Zoon. Ontvang ons hart, o Koningin En stort er deugd en wijsheid in.
O Moeder Gods, al wat wij zijn, |
Dat bieden wij U aan; |
Geef dat ons hart, van zonde vrij, =
Voor Jezus blijve slaan. |
Ja, schenk ons. Moeder van den Heer, | Een leven. Hem en U ter eer.
Hf
-ailiilliiiiimiinmtiiimiiiiimimiiiiiiiiiimmiiniiimiminiiiiimiMiimimiiiiiiiiiii
= 414
iiiiJiiiiiiUBMiiiiiiMmmitiiiiiiimiiiiimMMmiiiiiiimiimmmiiiiimmmmimmmmiMiimi^
Maria, hoor onz' kinderbee, i
En neem ons offer aan, |
Dan worden wij als 't Godlijk Kind, i
Door u steeds bijgestaan! | Dan groeien we ook in eer en deugd, i
Aan God en u tot reine vreugd. i
Dan is ons leven u ter eer. Ter eer van uwen Zoon; Dan is ons sterven hemelzoet.
En 't hemelrijk ons loon. Daar jublen wij in eeuwigheid: Wij zijn Maria toegewijd!
Ml
iiiiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiiiiiiimimiiiiiiiiiiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiimiiniiii?'
415 1
â aiiiiimmmimmimmiiiimmimmiiimimmmmimiimiiimimiMiiimmiiiMiii» =
E SllMIMMIII
li 1
INHOUD,
Algemeene Aartsbroederschap van O. L. Vrouw van het H. Hart . . .
De Meimaand........
De Maand van O. L. Vrouw van het H. Hart van Jezus. â Vooravond van den eersten dag. Beweegredenen waarom wij O. L. Vrouw van het H. Hart moeten vereeren. . . . Eerste Dag. â Voorbeschikking van Maria. â Onze toewijding aan het
H. Hart.........
Tweede Dag. â Voorbereiding van Maria tot hare verheven roeping. Het Hart van Jezus roept ons tot
heiligheid.........
Derde Dag. â- Menschwording van den Zoon Gods. â Maria verkrijgt in dit geheim moederlijke rechten
op het Hart van Jezus.....
Vierde Dag. â Leven van het Hart van Jezus in O. L. Vr. van het H. Hart. â Leven van het Hart van Jezus in ons .........
Vijfde Dag. â O. L. Vrouw van het H. Hart, eerste Apostel van het Hart van Jezus in het geheim derVisitatie. Het Apostelschap van het H. Hart.
7 17
'9 i
27
34
42
5o i
59 IJ
4IIIIMIIIIIIIIIIIIM III tlllllllllllllll III lllll III IIIIIMIIII III I lllll llll II III III II111111 lllll lllljl
- § H1111T1111
miiiHiiiiii _
sfininimiiiiMiiiniiiimi'iiii'iinnimfiimmiiiiiinimimimimmimimiimiiniiiiiiii
Zesde Dag. â O. L. Vrouw van het
H. Hart, eerste aanbidster van het |
Hart van Jezus in den stal van Beth- =
lehem. â Aanbidding aan het H. |
Hart verschuldigd......^gt;7 1
Zevende Dag. â O. I.. Vrouw van
het H. Hart, Medeverlosseres der |
wereld. â Onze heiligmaking is in |
het Hart van Jezus......7^1
Achtste Dag. â O. L. Vrouw van |
het H. Hart, ons voorbeeld in de =
vestiging van het rijk van het Hart i
van Jezus.........82 |
Negende Dag. â O. L. Vrouw van
het H. Hart, vertrouwelinge van |
het Hart van Jezus. â Het Hart van 5
Jezus is het boek der wetenschap i
en heiligheid ........§9 1
Tiende Dag. â O. L. Vrouw van het =
H. Hart, vrijwillig slachtoffer van |
het Hart van Jezus. â De geest der 5
devotie tot het H. Hart is een geest |
van opoffering.......96 1
Elfde Dag. â O. L. Vrouw van het =
H. Hart, vertrouwende op de Voor- =
zienigheid van het Hart van Jezus. =
â Het Hart van Jezus, Voorzienig- =
heid der zielen.......104 1
Twaalfde Dag, â O. L. Vrouw van 1
het H. H., trouwe gezellin van het |
Hart van Jezus in ballingschap . . ii3 §
Dërtiende Dag. â O. L. Vrouw van |
het H. Hart, onderricht in de gevoe- |
iiiijuiiiiiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiuiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
lil
uniiTiimmmmiiiimmiiiiimniiiiiiiiimimiimiiimimiMimiiimiiiiimiminTiii^MiiTiiiii
â = lens van het H. Hart van Jezus bij 5 i I
= de terugvinding van Jezus in den = |
| tempel..........123 i = I
5 Veertiende Dag. â O. L. Vrouw van
| hetH.Hart, hare moederlijke macht | =
1 over het Hart van Jezus te Nazareth = i
i uitoefenende. â [,iefde voor de ge- | |
| hoorzaamheid.......102 i i
= Vijftiende Dag. âO. L. Vrouw van | | N
| het H. Hart, vol van dankbaarheid i =
= jegens God. â Dankzegging door | ?
| het H. Hart........140 1 1 2
i Zestiende Dag. â O. L. Vrouw van i =
§ het H. Hart, levende van het Heilig | |
I Hart van Jezus. â Inwendig leven. 148 i 12
i Zeventiende Dag.âO. L. Vrouw van | i
I het H. Hart, helpster van het Hart i | f
I van Jezus. â Opdracht onzer gebe- | Ã
1 den aan het H. Hart.....
I Achttiende Dag. â O. L. Vrouw van
= het H. Hart, welbeminde leerlinge |
i van het Hart van Jezus.....167 i
§ Negentiende Dag. â Vereeniging van
= Maria en Jozef in het H. Hart' . .
I Twintigste Dag. â O. L, Vrouw van
= het Heilig Hart, Middelares bij het | |
1 Hart van Jezus.......184 ill
I Een en twintigste Dag.âO. L. Vrouw | â 1
1 van het H. Hart, herstelster der be- = |
I leedigingendie het Hart van Jezus in
I hetH.Sacramentdes Altaars worden i | P
H aangedaan..........ig5 = 1
I Twee en twintigste Dag. â O. L. Vr. | | 1
â imimiMtmiitniitiniimiMiiMnmiiiiiiiiinmimiiiiiiimmmtuiiiiiimiMuiuiiiliiiHiiniiin
â 57 1
172 i
iiiiiiilMiiflii I iTimimiimi I iiiiiiiii 11 â iiiitiiMiimiMii 11 ii iiiiiiiimii I miiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiitiiiniiiii
I ^ I van het H. Hart, troosteres van het |
1 lt; = H. Hart van Jezus.......2o5 i
23 I I Drie en twintigste Dag. â O, L. Vr.
= i van het H. Hart, erfgename van =
= 1 Jezus' liefde voor ons.....214 i
I I Vier en twintigste Dag, âO. L. Vr. |
1 i van het H. Hart, helpster der zielen =
32 § I in het Vagevuur.......222 i
= 1 Vijf en twintigste Dag. â O. L, Vr. =
I I van het H. Hart in de vreugde der
= § Verrijzenis.........231 |
40 1 i Zes en twintigste Dag. â O. L. Vr.
I § van het H. Hart bij de Hemelvaart
i I des Heeren.........239 =
48 I 1 Zeven en twintigste Dag.âO. L. Vr.
I jj van het H. Hart op Pinksterdag. . 247 =
I I Aght en twintigste Dag. â De laatste
= I dagen van het sterfelijk leven van O. |
37 I i L. Vrouw van het H. Hart . . . 255 =
I i Negenentwintigste Dag. â O. L. V. |
= I van het H. Hart, Koningin van alle ï
67 I I Heiligen in den Hemel .... 264 1
= I Dertigste Dag. â O L. Vrouw van £
75 i 1 het H. Hart, de voorspreekster
I â * i in moeielijke en hopelooze aange-
= § legenheden.........272 =
84 i i Een en dertigste dag. â jaarfeest ï
= i van O. r.. Vrouw van het H. Hart. 280 H
I I Acte van toewijding aan O. L Vrouw |
gS § i van het H. Hart.......292' i
= § Litanie van O. L. Vr. van het H.Hart. 294 =
liiiiiiiniiSniiimnmmimiimiiiiiimiimiiiiimiiiiimiiiiimitMiiiiinimiiiimiimiiiiiiiMiiiii.
iimitïiiiiiimiimmiiiMMimMiiiMiiiiiMimmiiiimiiiiMMiiiMiiiMiiiiiiiiiiMMMiiniiiJ
i Misgebeden.........3oq |
| Het Memorare van O. L. Vrouw van |
= het Heilig Hart................328 i
i Gebeden vóór en na de Biecht . . . 33o |
= Gebeden vóór en na de H. Communie. 336 ï Dc
= Gebed van den H. Ignatius. (Ziel van | n-eje;
| Christus, enz.).......844 = f.. ,
= Gebed tot den gekruisten Jezus. . . =
1 Oefening van den Kruisweg. . . . 347 | door
I De Getijden van de Onbevl. Ontvange- i liet I
1 nis der Allerh. Maagd Maria. . . 369 i deen
i Litanie ter eere van het Heilig Hart | ,
I van Maria..................383 = *
i Litanie der zeven droefheden van Maria 387 | 611 l1
I Gebeden met Aflaten verrijkt. Oefe- = van
i ning ter eere van het bedroefde Hart i o. L
I van Maria .........392 = ,
I Krans van twaaf sterren, samengesteld § lom
i door den H. Jozef Calasanzius . . 3g5 i dersc
I Akten van vereering......400 E met (]
i Gebed: O mijne Meesteres etc. . . 401 | et in
I Salve Regina.........4o3 §
= Sub tuum Praesidium......4o5 = * nna
= Litanie der H. Maagd......406 | van li
I Dei
i « Onze Vrouwe, onze Middelares, onze | jovere
I Voorspreekster)).......412 = taling
1 Kinderlijke toewijding aan O. L. Vr. | van ^
1 van het H. Hart.......414 5 rgt; , .
= E Paleis
I E Ivelen
E E inootei
quot;'iiMiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMtiiiriiitiiiiiiiiiiniiiiiiiiiiiiiriiiiniiiiiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiniii''
s 1 Ivan m
De Maand van 0. L. Vr. van het H. Hart,
1 HOOP DER HOPELOOZEH,
0 i uooR den E. P. Victor Jouët,
9 z
= MISSIONARIS VAN HET HEILIG HABT.
8 | [
o | â¢
6 | Deze Maand van Maria welke men thans
| ; gelezen heeft, is de eerste die onder dezen
^ | 1 titel gemaakt is en ook de eenig erkende
y z door de Congregatie der Missionarissen van
| het H. Hart, aan welke uit kracht van het
'9 5 decreet van de H. Congregatie der Aflaten
.3 I I (ïti April 1879), Z. H. Leo XIII heel de zorg
!y I ; en het bestier omnimodce curce ac regimini
I van de Algemeene Aartsbroederschap van
= O. Ij. Vrouw van het H. Hart heeft toever-
'2 I trouwd, verklarende dat gezegde Aartsbroe-
= derschap op volstrekte en onoplosbare wijze
30 I met dezelfde Congregatie verbonden is arcto
= I et indissolubili nexu conjunctum. (Zie de
^ I Annalen van O. L. Vrouw van het H. Hart
5G 1 van Issoudun, Juli 1879).
Deze Nederlandsche vertaling is in alles
| overeenstemmend met de Italiaansche ver-
12 | taling, die te Rome onderzocht is, en waar.
= van de Meester van het Heilige Apostolische
| Paleis den druk heeft veroorloofd. Wij be-
| velen er de verspreiding aan al de Deelge-
.......sjjnooten van O. L. Vrouw van het Heilig Hart
| .mm aan.
ANDERE DRUKWERKEN VAN BENZELFDEN SCHRIJVER:
MAAND VAN DEN H.JOSEPH,
Vriend van het Heilig Hart van Jezus.
(Uitgave van hetzelfde formaat).
' Deze Maand van den H. Jozef is ook de eerste welke onder dien titel gemaakt is, en de eenige die erkend wordt door de Missio- :! narissen van het H. Hart, aan wie het bestier der Algemeene Aartsbroederschap van den H. Jozef, Vriend van het H. Hart van Jezus, ⢠is toevertrouwd.
Die Nederlandsche uitgave stemt ook volkomen overeen met de Italiaansche, die te Rome onderzocht en goedgekeurd is.
« Ik lees met genoegen en voordeel uwe schoone Maand van den H. Jozef, Vriend van het H. Hart. Het â zou moeilijk zijn op eene meer degelijke wijze de godsvrucht tot den H. Patriarch in te prenten. â { Mgr de Bisschop van Nantes). »
« Het is eene goede gedachte geweest, die gij hebt gehad, den H. Jozef als patroon en voorbeeld aan de vrienden van het H. Hart van Jezus voor te stellen. O. L. Vrouw zal niet vreemd zijn geweest aan die ingeving. â lt; (Mgr. van Mende). »
« Dit boekje zal de aanvulling zijn van de godsvrucht tot O. L. Vrouw van het H. Hart, welke God met zooveel i gunsten overladen heeft. â (Mgr van Arras (Kamerijk). »
x Ik ben onder den indruk van den geur van godsvrucht ⢠s welke opstijgt uit al de bladzijden van die nieuwe Maand van den H. Jozef.â (Mgr van Puy). »
« Ik heb mijne Maand van den H. Jozef met uw boekje gemaakt. Men zou zeggen dat het hart van Maria u alles ; wat gij zegt ingegeven heeft. â (Mgr de Nevers). »
DRUKKERIJ VAN HET MISSIESEM1N. ANTWERPEN.
lt;k «
â¢I
,: