r')
IN
Een groot werk Gods is alhier door Zgne oohegrijpelijke genade ontstaan. Het is onbeschrijfelijk, en vele ervarene Christenen wetennbsp;zich niets dergelijks te herinneren. De Geestnbsp;Gods is bijna over gansche Scholen uitgestort.nbsp;Kinderen van onderscheidene jaren zoeken dennbsp;Heiland, en weenen tot Hem om vergevingnbsp;hunner zonden. Zij komen ongevraagd bq hunnenbsp;Leeraars, en bidden hun met tranen om vergeving hunner zonden. Kinderen van goddeloozenbsp;ouders laten zich door niets afhouden om dennbsp;Heere Jezus te zoeken, en zich aan Hem over tenbsp;geven. Aan verscheidene oorden verzamelen zgnbsp;zich onderling, en brengen aldaar uren in hetnbsp;gebed door: de een, na den anderen, bidt zoonbsp;hartdoordringend dat de ouders welke aan denbsp;deuren hen beluisteren, ja zelfs kwalijk gezin-den , zich niet van tranen kunnen onthouden ;nbsp;dan sluiten zq hunne zaroenkomsten met gezang, bgzonder met het vers uit het heerlijk hel-den-lied beginnende; » Rustutoe , gg Christen-lle-
den! Dan, wat mogen deze kleinen bij deze gansch eigendoinmelqke uitdrukkingen gevoelennbsp;en donken ? n dat wij toch ook maar zulke kinderen waren ; zoo kinderlqk geloofden en baden !
Een kind van 8 jaren zeide : brengt mij niet meer in de opene lucht, geeft mij ook niets tenbsp;eten , want heden avond om 7 uren zal ik bgnbsp;mqiisn Heere Jezus eten; dit kind was gezondnbsp;en ora 7 uren dood.
Des zondags om vier uren komen aan mqn huis bij de dertig jongelingen , om te zingen, tenbsp;lezen en te bidden ; deze munten uit in gavennbsp;en genade j ik heb hen eenmaal bezocht, ennbsp;hoorde die lieve kinderen reeds van verre zingen; men kan zich bezwaarlqk zoo iets roerends voorstellen. Deze opwekking onder denbsp;kinderen strekt verre uit, en verwekt eenenbsp;gansch bqzondere deelneming; de oude Christenen -worden schaamrood, terwijl de jongelingen steeds heerlqk gedqen. De een na dennbsp;anderen komt tot de zalige vergewis sing datnbsp;zqnc zonden in het bloed van Jezus vergevennbsp;zijn: en wanneer zulks geschied is komen zijnbsp;gewoonlijk tot mij, om met gejuich en blijdschapnbsp;te vermelden, wat do Heere aan hunne zielennbsp;gedaan heeft : als of het ware dat de Heilandnbsp;niet alleen gezegd had: « word gereinigd!nbsp;maar ook : « vertoon uzelven aan den priester. Onlangs kwam een jongeling bq mq,nbsp;die zqne vreugde niet genoeg konde te kennen
geveu met welke hq geheel doordrongen was. Drie a vier maanden had hij om vergevingnbsp;zqner zonden geboden; het ontbrak hem dusnbsp;aan woorden om zijn dankgevoel te uiten.nbsp;Eens op een maandag kwam hij uit mqn gezelschap, viel op zijne knieën, en riep onophou-delqk uit: Heere Jezus! neem mij toch ooknbsp;aan! toen was het hem als of men hem metnbsp;luider stemme toeriep : zijt getrouw tot dennbsp;dood enz. Daar door werd hq vervuld met gejuich en vrolqkheid. Ik koude nog meer opmer-kelqke voorvallen van dien aard aanvoeren,nbsp;doch dit eene is voldoende. Tweede Kerstdagnbsp;Waren in mijne verzameling i8i jongelingen,nbsp;den 3 Jan. i5o tot j6o; het slechtste wedernbsp;konde hen hiervan niet terug houden.
Voor de jonge dochters konde men sins lang geene bekwame verzamelplaats vinden. Som-wglen nam de Gereformeerde D®. H. zich haiernbsp;aan ; doch zg schenen lang als verstoolen te ^qn.nbsp;Thans heeft vriend P'an der Heidt raad geschaft. Zij komen des dingsdags afzonderlqk tenbsp;zamen, en in de laatste bijeenkomst telde mennbsp;er over de honderd ; en het ontbreekt in allenbsp;bqeenkomsten steeds aan genoegzaatne plaats.
Dit alles heeft dan ook dienstbaar moeten zqn , om de oudere Christenen op te wekken ennbsp;te verlevendigen, zoo dat alom het vuur dernbsp;Goddelgke liefde helder brandt. Alle zqn volnbsp;lof en dank, en wanneer, de een of ander de
verzekering der genade ontvangen heeft, vrordt zulks als een loopend vuur onder alle Christenen verspreid, en verwekt een nieuw leven ennbsp;vernieuwde stof tot dankzegging en lof. Denbsp;kerken zgn ook ten allen tijde opgevuld metnbsp;hoorders. In mqn laatste avondgebed, desnbsp;dingsdags, konden de vrouwen in de kerk geennbsp;plaats bekomen. Ook heeft zich alhier eennbsp;Commité van Christelgke vereeniging geformeerd. In Keulen, zegt men , dat mede eenenbsp;groote opwekking plaats heeft, inzonderheidnbsp;onder de Roomschgezinden, welke met hunnenbsp;Frotestantsche broederen in de liefelgkste een-dragt en gemeenschap leven; gelgk ook innbsp;Mulheim en Matmen.
Zoo ver de brief van een Ëlberfeldsch Gees-telgke.
Ik heb hier niets bg te voegen (zegt de schrg-ver) dan te zeggen: a Als deze zwggen zullen de steenen haast roepen. Hebt gq niet gelezen : « Uit den mond der kinderkens en der zuigelingen heb ik mgnen lof bereid ? Ja, Heerenbsp;Jezus! kom toch haastelgk! en keer bg Uwenbsp;kinderen in, terwijl de wgzen en verstandigen,nbsp;deur en venster voor ü meer en meer toesluiten. En gg , voorstanders der Gemeente Gods!nbsp;zoekt deze opwekking te bevorderen, opdat zenbsp;niet versterve, en opdat al wat adem heeftnbsp;den Heere love! Amen.
Het is een gewigtig stuk in de Christelgke opvoeding, om de teerdere kinderharten eerbiedige liefde in te planten voor de H. Schriften,nbsp;en hen daardoor tot een kinderlqk en getrouwnbsp;gebruik vau het zaligmakend Woord van Godnbsp;te gewennen. Weldenkende Ouders en Leeraars ,nbsp;welke s Heeren Woord als een onschatbaarnbsp;kleinood op den weg naar de eeuwigheid kennen en waarderen, maken zich zulks gaarnenbsp;tot een pligt daar zg bij eigene ervaring weten,nbsp;hoe het alle goddeloosheid en wereldsche be-geerlqkheid leert verzaken; hoe het onwetenden en dwalenden onderwgst; hoedanig hetnbsp;aangevochtenen en zwakken troost en sterkt,nbsp;en geloovïgen een blik in Gods vaderhart,nbsp;en in de onbegrensde eeuwigheid, opent. Ditnbsp;Woord is eene lamp voor hunnen voet en eennbsp;licht op hun pad ; bet is een versterkend voedsel voor hun geloof, hetwelk hunne hartennbsp;niet kunnen ontberen. Zg weten daarom voornbsp;hunne kinderen niet getrouwer te zorgen, dannbsp;wanneer zg hen de H- Schriften regt hoog zoeken te leeren waarderen. Zij leerden, van denbsp;Vaderen des Ouden en Nieuwen Yerbonds desnbsp;Heeren Woord niet alleen met de diepste hoogachting aannemen, maar ook met de grootstenbsp;zorgvuldigheid en getrouwheid hunnen kinderen.
hetzelve aanbevelen. God zelf heeft dit zgn Woord aan Josua, den getrouwen heirvoerdernbsp;zqns volks, hoogst nadrukkelgk bevolen, Jos.nbsp;1 t's, 7; en daar hq zich bij het op volgen vannbsp;dit bevel zoo wel bevonden had, zoo kondenbsp;hg zich bij het eindigen van zijnen loopbaan nietnbsp;onthouden, eene hartelqke aanbeveling van ditnbsp;Boek als zgoen laatslen wil zijnen volke na tenbsp;laten, volgens Jos. aS «'«. 6, Zoo ook de stervende David, die de hooge waarde van dit Goddelijk boek zelf had ondervonden, en in zgnenbsp;Psalmen hoogelqk bewonderde, gaf aan zqnennbsp;Troonsopvolger dezelfde vermaning i Kon.nbsp;20 VS. 3 ; en van Abraham geeft God zelf ditnbsp;roerargk getuigenis Gen. i8 *gt;s, ig, als eene groo-te eigenschap, dat hij zgnen kinderen en zijnennbsp;huize beval, dat zij de wegen des Heeren zouden houden, en doen hetgene regt en goed is.nbsp;Waarom zouden het de Christenen van onzennbsp;tijd niet tot eenen gewigtigen pligt maken , eerbiedige liefde voor de H. Schrift in hunne kinderen te verwekken, en hun dit Goddelgknbsp;hoek met lust en een getrouw geweten leerennbsp;gebruiken, daar het in onze dagen vooral behoefte is om de kinderen , in hunne vroege jeugd ,nbsp;tegen de heerschende minachting des Bgbelsnbsp;te vermanen.
Om dit groole doel te kunnen bereiken, verdienen de navolgende stukken bgzondero opmerking ;
1) nbsp;nbsp;nbsp;Moeien wij onze kinderen door ons eigennbsp;voorbeeld overtuigen, welk een kleinood denbsp;H. Schrift in onze oogen is.
2) nbsp;nbsp;nbsp;Men moet de kinderen ragt klaar, en bijnbsp;herhaling, aantoonen, welk verval er bij dennbsp;raenscli ontstaat door het gering schatten ennbsp;misbruiken der H. Schrift; en tot welk eennbsp;Gode.bekagelijk, edel en zalig leven, in dezenbsp;wereld en in de toekomende , hel regt gebruiknbsp;van bet woord van God ons henen leidt.
3) nbsp;nbsp;nbsp;Hiermede moet gepaard gaan, hun metnbsp;de Goddelijke beloftenissen en bedreigingen be«nbsp;kend te maken, die door in het oog vallende voorbeelden uit de H. Schrift en onze lotgevallen bevestigd worden.
4) nbsp;nbsp;nbsp;Make men de kinderen regt vroeg met denbsp;Bgbelsche Geschiedenis bekend, en leere hunnbsp;korte en krachtige spreuken.
5) nbsp;nbsp;nbsp;Met de aankoinelingcn leze men vlglig innbsp;de H. Schrift, doch vermoeije hunne aandachtnbsp;niet te zeer, door te veel op eenmaal te lezen. Men behandele hen bg voorkeur daarbgnbsp;liefdergk. en bevlijtige zich om hun dit lezennbsp;aangenaam te maken.
6) nbsp;nbsp;nbsp;Men gewenne de kinderen van den beginne aan, met opmerkzaamheid en met verstandnbsp;te lezen; daartoe is noodig, dat men hen, vannbsp;tijd tot tgd, over het gelezene op eene cate-chetische wijze ondervrage.
7) nbsp;nbsp;nbsp;Bg voorkeur moeten zij door herinnerin-
gen en voorbeelden opgewekt worden, niet maar te lezen en te leeren , om daardoor velenbsp;kundigheden te bekomen voor hun hoofd , maarnbsp;hoofdzakelgk voor hun hart.
8) Men moet hen gewennen omtrent het ge-lezene te bidden; opdat hetzelve eenen brach-tigen en bgblifvenden indruk in hunne harten te weeg brenge , om hetzelve in een eerlijk ennbsp;goed hart te bewaren; daar aan gestadig tenbsp;denken , en met kinderlijke getrouwheid op tenbsp;volgen.