|
|
|||||||
|
|
UTRECHTSCHE
JAARBOEKEN
VAN DE
VYFTIENDE EEUW,
VERVATTENDE HET MERKWAARDIGE
IN HET
GESTICHT,
EN VOORNAMENTLYK IN DE STADT
UTRECHT,
Zeden denjare 1402. en vervolgens
voorgevallen.
T'ZAMEN GESTELT DOOR
MR' K A SP A R BURMAN.
EERSTE DEEL.
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
.-:.-u*«wa
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
T UTRE C H T,
ByJ.H. VONK VAN LYNDEN, Boekverkoper.
M D C C L,
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
||||||
|
|
VOORBERICHT
AAN DEN
LEZER.
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
[Adde voortydts de liefde totiöy-
' neVaderlyke Stadt my aangezet om de loffelyke gedachtenifTen der genen, die door hunne ge- leertheit luifter aan hunne geboorte- of woon- Stadt hadden toegebracht* voor de vergetelheit te bewaren j en om jonge lui- den , die aan Utrecht hun eerfte levens- licht fchuldig zyn, door het voorftel van de bedryven dier Letter-helden aan te moedi- gen,om het voetfpoor dier wakkere Mannen, in het verkrygen van kennis der goede en nutte Wetenfchappen na te volgen; geen uitzicht van eer of voordeel (te veel gezien en ondervonden hebbende om zulke ydele gedachten plaats te geven) maar dezelve drift van liefde tot die Stadt, waar in ik niet alleen gebooren en opgevoet, maar de eer genoten hebbe , van nu ruim vyf en twin- tig jaren een medelid harer Regeeringe te zyn, heeft my aangeport om deze Utrecht- fche Jaarboeken in het licht te geven. Ik verbeelde my, dat het geen in deze Stadt, * 2 zoo |
|
||||
|
|
||||||
|
|
|||||
|
|
VOORBERICHT
zoo door de Regenten, als de Borgeren en
Onderzaten in vorige tyden verricht is, wel waardig was om verhaald te worden: en dat, fchoon de Regeerings wyze en manier van leven en beilaan , thans geene plaats meer heeft, of hebben kan, men echter, indien oplettenheit gebruikt wordt, befluiten moet, dat Utrecht wyze en dappere Mannen, zoo wel in het beitier der gemeene zaken, als in het befchermen hunner zekerheit en veiligheit, heeft voortgebracht, wier daden wel verdienen voor de vergetelheit bewaard te worden.
In het begin myner aan ftellinge tot Raadt
in de Vroedfchap dezer Stadt, begreep ik, om die poft niet ten eenemaal onwaerdig te bekleeden,kennifle te moetenverkrygen van de Ordonnantien , Keuren en Beflui- ten , zoo van Hunne Ed. Mog. de Staten de- zes Landfchaps, als van den Raadt dezer Stadt, en ik doorlas hunne Befluiten, zoo in deze als in de voorgaande Eeuw genomen. Dit verricht hebbende,wierdmyneweetgie- righeit groot, om te onderzoeken, op welk eene wyze voortydts de Regeringe hadde beftaan , en ik las alle de Raadtsbefluiten, vervat in de dagelykfche Raadts-boeken en Buurfpraak-boeken , welke beginnen van den jare 1402. en maakte Af fchriften van 't geen ik oordeelde tot de GefchiedenifTen
van
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
AAN DEN LEZER.
van de vorige tyden en de Politie der Stadt
te behoren. Dewyl nu op verfcheide plaat- zen gewag gemaakt wierdt van Privilegiën, zoo kreeg ik luft, om tot nadere kennifle der zelve te komen , Stadts Archive-kamer en Secretarie te doorzoeken; en dit verricht hebbende, begaf ik my, zoo verre ray de gelegenheit daar toe gunflig was , tot het doorfnuffèlen der Regifter-boeken en oude Brieven, welke noch in onze Capittelen in eene grote menigte bewaard worden.
Men kan licht bezeffen, dat'er moeite
aangewend en veel tydt moet befteed wor- den ter opzoeking, nalezing en uitfchry- ving van zoo veele oude Brieven en Raadts- boeken; doch die arbeit viel my niet ver- drietig , om dat ik dagelyks meerder begrip kreeg van de gefteltenifle der Regeeringe, zoo ze voortydts geweeft was, en van de gefchiedeniflen dier oude tyden.
Ik weet wel, dat deze kennifle allen niet
volftrekt nodig is, en dat veele, met een vlug verftant begaaft, hun oordeel konnen vellen over alles wat hen voorkomt, zon- der acht te geven hoe voortydts de oude Re- genten het begrepen hadden: en geen won- der ! Want waarom zouden onze luiden min- dere kennifle en doordringentheit van oor- deel hebben , dan die in vorige tyden het beftier hadden? En waarom zouden zy,
* 3 zoo
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||
|
|
VOORBERICHT
zoo wel niet als die oude Vaderen, alles,
wat hen voorkomt, in hun recht gewricht opvatten, daar de Wetenfchappen in onze tyden zoo vermeerdert, en de levenswyzen zoo befchaaft zyn ? Te meer, daar de za- ken moeten gefchikt worden naar dezen, en niet naar den ouden tydt, en de manieren en Zeden oneindig verandert zynde, men niet aan het oude moet blyvén hangen.
Ik fta dit gaerne toe, en roeme het geluk
onzer tyden, waar in zoo veele gauwe gee- ften, vermeenende hen deze kennifle niet te konnen baten, leven ; doch bekenne teffèns mynebotheit, ftompheit en onbe- kwaamheit om over alle zaken, voor al zo ze gewichtig zyn, op het ogenblik hunner voprftelling, wel te konnen oordeelen: en dit is de ware reden geweeft, waarom ik, om dit natuurlyk gebrek eenigzints te hee- len, meeflen tydts myn gering oordeel heb- be moeten mistrouwen, en, om te voldoen nan mynen plicht eneedt, vermeend hebbe om eene goede bevatting van zaken te ver- krygen, te moeten onderzoeken , hoe in vorige tyden onze brave Voorgangeren het hadden verftaan. Dit wetende, overdacht ik , in hoe verre ik in deze tyden gebruik van hunne gevoelens konde maken, en of de omftandigheden van zaken en tyden toelieten daar in veranderinge te maken.
Voor
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
AAN DEN LEZER.
Voor al,als ik my erinnerde den eedtdoor
my aan de Stadt gedaan, van alle hare Privile- giën , Rechten en Gerechtigheden te zullen handhaven, zoo begreep ik,om in ditftuk aan mynen plicht te voldoen, te moeten on- derzoeken , waar in die Voorrechten befton- den, en welke die waren. Deze kennifle niet verkregen konnende worden dan door het opzoeken en lezen der oude Brie ven en Boeken, welke daar gewag van maken, en gelet hebbende op de tyden ,in welken,en de redenen, waarom deze Stadt en Borge- rye zonderlinge voordeelen bekomen heb- ben , raadpleegde ik met myn gering oor- deel , om te weten, of men, en waar men, gebruik van deze Voorrechten moet, en kan maken.
Ik voorzie wel, datveele zullen zeggen,
de tydt onnut verkwift te worden in het on- derzoek van de gefteldheit der Regeeringe oudtydts, dewyl dezelve afgefchaft is en nooit kan,of moet wederom ingebracht wor- den. Ik erkenne geerne, dat een der befte daden, die Keizer Karel in deze Stadt ver- richt heeft, geweeft is de veranderinge der Regeerings-forme, om te voorkomen de gedurige oproeren, welke zedert eenige ja» ren in de Stadt waren ontftaan, en welke on- vermydelyk den ondergang van eene Stadt , veroorzaken moeten. Doch of men daar
* 4 uit
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
VOORBERICHT.
uit een wettig befluit kan opmaken, dat om
die reden de kennifle der voorige Rege- ringswyze onnodig is, twyffele ik zeer, de- wyl uit dezelve veele nutte zaken, waar van men dagelyks gebruik maken kan, geleerd konnen worden. Is het niet wetens waar- dig, dat onze Stadt veele zonderlinge Voor- rechten , in andere Steden van ons Gemee- ne-beft buiten het Sticht onbekent, geno- ten heeft? als byvoorbeelt, dat de Stade Utrecht, of wel de Regeerders van dien, van alle oude tyden afhebben gehadt hun- ne eige Magiftraats beftellinge; de lyfftraf- felyke rechts- oeffeninge zonder hoger be- roep; de kwytfcheldinge des doods-flrafs; de aan en afftellinge , vermeerderinge en verminderinge der Excynfèn, naarmate dat zy die meerder of minder nodig hadden; het voeren van oorlog, en het maken van vreden en zoenen; het recht van munt te flaan, en het maken van alleOrdonnantien en Placcaten op het ftuk van de Politie, en dat alles zonder voorkennis, veel min toe- ftemminge daar toe van den Biflchop, of van de andere Leden van den Staat nodig gehadt te hebben. Men zal my zekerlyk tegenwerpen , dat de aanhalinge der Privi- legiën en Voorrechten thans ontydig is, de- wyl eerft, na dat Keizer Karel zich meefter badde gemaakt van deze Stadt, en nader- bant |
|
||
|
|
||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
AAN DEN LEZER.
hant na de aflweeringe van den Koning van
Spanjen en zyne aanhangeren, en na het aannemen van de fatisfaétie van den grond- legger van onze vryheit, Prins Willem den eerften,en onder het opzicht enbeftierder volgende Stadhouderen uit het Doorluchtig Huis van Orange en Nafiau, Hoogloffèly- ker gedachteniüe, de zaken verandert zyn en de Regeerings-form op eene andere leeft gefchoeit is. Doch ik begrype, dat deze Stadt en hare Borgeren daar door niet alle hunne Voorrechten, maar alleen die, waar van zy om wettige oorzaken hebben afge- zien , verloren hebben, en ik weet niet, in dien men de aanhalinge hunner rechten on- geoorlooft wil achten, op wat wyze men dan zal konnen goetmaken het loffèlyk ge- drag onzer Voorvaderen, die zich ontdaan hebben van de gehoorzaamheit aan den Koning van Spanjen, en goet en bloet zoo manhaftig opgezet hebben tegens zyne re- geeringe, om dat hunne rechten en vryhe- den zoo heilloos gefchonden en vertreden wierden.
Dit hebbe ik nodig geacht voor af te moe-
ten berichten, op dat de Lezer zoude we- ten de redenen , welke my zoo veel tydts en moeite hebben doen befteeden ter na- fpeuringe der voormaals gebeurde zaken in myne Vaderlyke Stadt. Ik hebbe dien ar-
* 5 beit
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
VOORBERICHT
beit niet begonnen met voornemen om 'er
gemeen gebruik van te maken, maar alleen met oogmerk, om my daar door eenigzints bekwaam te maken tot het bekleeden van den aanzienlyken poft , my toebetrouwt. Doch in denazomervanhetvoorledenejaar van een zwaar en langdurig toeval van gra- veel, door des Albeftierders onverdiende goedheit, na hetloofen van eenen groten fteen,verloft,en tot vorige gezondheither- ftelt zynde, kreeg ik luflommynenledigen tydt te befteeden tot een zamenftel der ou- de gelchiedeniflen, in het Gefticht en on- ze Stadt voorgevallen.
Het ontbreekt ons Vaderlandt niet aan
Schryvers , die het gebeurde in vorige ty- den met veel oplettenheit en getrouwig- heit ter kennifle hunner nakomelingen heb- ben gebracht, en behoeft ons Gemeene- beft daar in voor geene andere Landen te wyken : voor al kan de weetluft voldaan worden van iemant die begeerig is (gelyk ieder recht geaart en wezentlyk Patriot we- zen moet) onderrichtte worden van 't geen, zedert de Regeeringe dezer Landen onder de macht van Philips den tweeden, Koning van Spanjen, gebracht is, dezelve is over- gekomen : hebbende zyne mishandelingen en tirannique regeeringe, tegens de Wet- ten, Voorrechten en Privilegiën van den
Lan-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
AAN DEN LEZER.
Lande, rechtvaerdige redenen aan onze
wakkere Voorvaderen gegeven tot het af- leggen van het jok der dienftbaarheit, en het verkrygen van onze dierbare vryheit. En met opzicht van ons Landtfchap en de Stadt van Utrecht, kan men overvloedig naricht daar van krygen in de nette en ge- trouwe verhalen , die de grote Gefchied- fchryver Pieter Bor daar van heeft nagela- ten : die toegang gehadt hebbende tot alle brieven, papieren en boeken, zoo op on- ze Staten-kamer, als op het Stadthuis berus- tende , de voornaamfte en gedenkwaardigfte voorvallen met veel nauwkeurigheit befchre- ven heeft. Doch vermits ik ondervond, dat het geen voor dien tydt voorgevallen was, voor al met betrekkinge tot ons Sticht, en wel voornamentlyk tot onze Stadt, zoo be- kent niet was, dacht het my niet ondienitigte zullen zyn, door het uitgeven van deze Jaar- boeken eenigzints dat gebrek te vervullen. Ik twyffele niet, of velen zullen vragen, waarom ik niet van ouder tyden, en dus van de ftichtinge onzer Stadt af, begonnen hebbe ? Waar op ik antwoorde, dat dan het Werk te groot zoude geworden zyn, de gefteltheit van myn lichaam, dikwerf door byna ondraagelyke graveel-pynen gemartelt wordende, my doende voorzien, de vol- trekkinge van zulk een uitgebreit Werk niet
te
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
VOORBERICHT.
te konnen beleven. Waar by komt, dat ik
wel veel gefchreven gevonden heb vanden oorfpronk, naamgevinge, vewoeftinge en weder herftellinge dezer Stadt, doch de- wyl ik weinig zekerheit in veele dier ver- tellingen befpeurde, en alle Gefchiedfchrif- ten, die maar verhalen van anderen behel- zen, en van geloofwaardig bevvys ontbloot zyn,by my niet zeer gewaardeert worden, heb ik alleen maar aan den dag willen bren- gen 't geen op wiffe gronden fteunde. Tot dien einde heb ik veel gebruik gemaakt van de Raadts-boeken onzer Stadt, en oude Brieven, zullende my niemant ontkennen, dat deze echte bewys-ftukken zyn, om de waarheit van het geen befchreven wordt te beveiligen.
Wat de Raadts-boeken betreft, dezelve
zyn tweederlei, de Dagelykfche boeken, be- helzende 't geen dagelyks in den Raadt voorviel, en door de Geheim-fchryvers ge- boekt wierd, en de Buurfpraak-boeken ,ook wel Luyde-boeken genaamt, waar in befchre- ven zyn de befluiten des Raadts, welke opentlyk by klokluidinge afgelezen, en daar na op een bordje afgefchreven voor het Raadthuis ten toon gehangen wierden, op dat ieder daar van kennifle zoude hebben.
Boven deze, worden noch op ons Stadt-
huis oude Boeken gevonden, waar ineeni-
ge
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
----------
|
||||
|
|
|||||
|
|
AAN DEN LEZER.
ge Overdrachten des Raadts, voor al in de
veertiende Eeuw genomen, geboekt ftaan, genaamt liber albtts, liber Rofarum, ttber hirfutus en liber rufus. Aan het einde van 't liber albus ftaan deze woorden: Defer boe- ken fy n drye^ ende ene legbet in deStatkifte, ene in der Oudermans kifte , ende ene daghe- lix voer den Raet op ter Stathuys. Dit boek vervat veele Keuren in de veertiende Eeuw gemaakt, en dewyl daar na de boeten en breuken wierden ingevordert, was het no- dig dat 't zelve in de Raadt-kamer lag.
Ik hebbe ook nagezien de Rekeningen
der Cameraars , voor zoo verre die noch in wezen zyn, verfcheide der zelven, en wel verre de meeften, ontbrekende en ver- mift wordende.
Jammer is het, dat de Brieven van, en aan
den Raadt gefchreven, welke Stadts Klerk of Geheim-fchryver, volgens zyne inftru- ftie , in het jaar 1440. hem voorgefchre- ven, bewaren moeft, niet te vinden zyn, alleen daar maar van overig zynde een boek, waar in de brieven, van den jare 1470. tot 1482. gefchreven en ingekomen, te lezen zyn.
De dagelykfche Raadts en Buurlpraak-
boeken beginnen van den jare 1402. van welken tydt ook deze Jaar-boeken hunnen aanvang nemen. Alhoewel ik op ieder jaar,
indien
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
|||
|
|
VOORBERICHT
indien 'er iets merkvvaerdigsin het Gefticht,
voor zoo verre ik het zelve heb konnen navorfchen, is voorgevallen, daar van mei- dinge make , zoo zal echter de Lezer on- dervinden, dat myn voornaamfte oogmerk is, *t geen in de Stadt Utrecht gebeurt is, zoo nauwkeurig als my doenlyk geweeft is, aan te tekenen. Niemant moet zich ver- beelden in deze Jaar-boeken, alle de byzon- dere gefchiedeniflen van ieder gedeelte des Geftichts , en voor al der andere Hooft- fteden deszelfs, als Amersfoort,Deventer, Campen, Zwoll en Groningen, hier ver- haalt te vinden , dewyl my zulks onmoge* lyk is geweeft, om dat ik geene gelegen- heit gehadt hebbe, hunne Raadts-boeken en oude Brieven , die zekerlyk in die Steden noch te vinden zullen zyn, in te zien en te doorbladeren, hopende, indien deze myne arbeit niet onaangenaam mag voorkomen, dat brave Luiden, en kundiger dan ik,zul- len aangemoedicht worden, om myn voor- beelt te volgen , en 't geen in die Plaatzen wetenswaardig in vorige tyden gebeurt is., het gemeen mede te deelen. De geleerde Heer Dumbar, heeft met opzicht tot de Stadt Deventer, daar van een begin gemaakt met het uitgeven van het eerfle deel van zyn Kerkelyk en Wereldlyk Deventer, doch de ontydige doodt van dien naarftigen onder- zoeker |
||
|
|
|||
|
|
||||||
|
|
AAN DEN LEZER.
zoeker van zyns Vaderlandts Outheden ert
Gefchiedeniflen, heeft ons de volvoeringe van dat werk benyt.
Ik heb om den Lezer te overtuigen van
de waarheit myns verhaals, dikwerf en wel meert , gebruikt de eige woorden van de befluiten des Raadts, gevende dezelve op, zoo als ik die geboekt gevonden heb, zon- der veranderinge in den zin of fpellinge; fchoon omtrent het laatfte geenen vaften voet by de Geheim-fchryvers des Raadts ge- houden is , zynde meermalen in een Raadts- befluit dezelve woorden niet op eeneen de- zelve wyze geipelt, ten blyke dat zy zoo vies op dit ftuk niet zyn geweeft, en geene zekere regels daar in gevolgt hebben, 't Zelve heb ik ook ondervonden in verfcheide oude brieven,ja zelfs dat de bynamen niet altydt op dezelve wyze zyn uitgedrukt.
Wat de oude brieven, waar van 'er eenï-
ge in deze Jaar-boeken geplaatft zyn, be- langt, die hebbe ik zelfs uitgefchreven, of uit de oorfpronkelyken , of uit de affchrif- ten der zelven, die in ons Stadthuis, of zommige Capittelhuizen noch bewaard wor- den. Voor eenige jaren hadde ik veel luft daar mede mynen tydt door te brengen, met voornemen om een Corpus Diplomaticum van het Gefticht by een te verzamelen, en hadde ik reets eenen goeden voortgang daar
in
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
VOORBERICHT
in gemaakt, hebbende eerft de brieven in
onzer Stadts Archiven kamer, voor zoo verre die eenigzints leesbaar en ongefchon- den zyn, en de oorfpronkelyke affchriften, in onze Secretarye beruftende, nauwkeu- rig nagelezen, en afgefchreven, en daar na eenigerCapittelen Regifter-boeken en oude Brieven doorbladert; doch door het lezen en voor al het uitfchryven van een groot getal dier oude papieren, myn gezicht zoo- danig verzwakt hebbende, dat ik alle gebruik van myn linker oog verloor, wierd ik ge- nootzaakt dit werk te flaken, wilde ik het ander oog behouden, en niet ten eenemaal van myn gezicht berooft worden.
Dus gefluit zynde geworden in myn voor-
nemen , kan ik alleen maar opgeven die Brieven, welke ik gevonden hebbe,en de- wyl 'er reets veele door den Heer Mat- thaeus en anderen zyn uitgegeven , zal ik dikwils den Lezer, om deze 'jfaar-boeken niet te zeer te doen uitdyen, tot de zelve verzenden , en dus alleen maar voor den dag brengen die geene, welke, myns we- tens noch niet gedrukt, ofwel door Mat- thaeus voortgebracht, doch niet zonder grove misflagen in het licht zyn gekomen.
Ik voorzie wel, dat de ftyl en fpellinge
der woorden, waar mede ik deze Jaar- boeken gefchreven hebbe, veele gegronde
beris-
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||||
|
|
------'
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
. AAN DEN L E Z E R.
berispingen onderhevig zullen zyn; doch
devvyl ik in vorige jaren niet gedacht hebbe iets in het Nederduitfch uit te geven, en dus verzuimt hebbe hetfraayeen zinnelyke van onze Moedertaal in den grond te leeren kennen (ik moet dit naar waarheit tot myne fchaamte bekennen) zoobidde ik den Lezer om eene goetgunftige verfchoninge,indien zyne kieze ooren nu en dan in het lezen gekwetft worden. Ik heb zoo gefchreven, als ik gewoon ben in den dagelykfchen om- megang met mynen mede-menfch te fpre- ken, en getracht het merkwaardige in ons Ge- fticht, en voor al in de Stadt Utrecht, voor de overgift van het tydelyk Gebiedt aan Kei- zer Karel, van het begin der vyftiende Eeuw voorgevallen,kort,en zoo klaar als mymo- gelyk was, den Lezer mede te deelen, zul- lende , indien de goede Godt my in het le- ven fpaart, gezontheit verleent, endegra- veelpynen matigt, en ik verneeme, dat myne aangewende moeite en arbeit eenige goet- keuringe verdient, deze Jaar-boeken ver- volgen , en met 'er tydt uitgeven.
Veelen zal het mogelyk verveelen voor
ieder jaar eene lyft der Regeerders te zien, te meer dewyl de Burgermeefteren , Sche- penen en Raden in hetUtrechtfchPlaccaat- boek konnen nagezien worden ; doch de- wyl tot de Regeeringe dezer Stadt mede de * * Ou- |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
||||
|
|
VOORBERICHT
Oudermannen behoorden, welker namen in
het gemelde Placcaatboek niet uitgedrukt ftaan, zoo hebbe ik geoordeelt die nevens de anderen hier te moetenplaatzen. Te meer, om dat daar uit blyken kan,dat luiden van den eerften Stichtfchen Adel en aanzienlyke ge- boorte , zoo wel als andere mindere borge- ren , deze eerampten bekleed hebben. Ook kan ik den Lezer verzekeren, dat ik zelfs met alle oplettenheit uit de dagelykfche Raadts- boeken de namen heb afgefchreven.
De Regeering dezer Stadt beftond uil
Schepenen , Raden en Oudermannen, dat is Dekenen der Gilden, welke twee jaren dien- den , en het eerfte jaar den nieuwen, het tweede jaar den ouden Raadt uitmaakten. Uit welke jaarlyks een Schepen Borgermee- fter , een Raadts Borgermeefter en t-wec Overfte Oudermannen verkoren T en die O- verften genoemt wierden.
Het oudfte echte bericht, welke wy van
deze Raadtsbeftellinge hebben,is de Gilde- brief in den jare 1304. des anderen daags na Hemelvaartsdag gemaakt, welke in het Utrechtfch Placcaatboek III. Deel bladz.G?. kan gelezen worden. Uit dezen brief blykt, dat de Gilden, of om klaarder te fpreeken, deBorgers in de Gilden zynde, de aanftel- linge der Regeerders hebben gehadt.
Het verdient zeer zyne opmerkinge,
wan-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
AAN DEN LEZER.
wanneer en op wat wyze de Gilden deze
macht hebben bekomen. Als men Bekain het leven van Biflchop Jan den eerften leeft, fchynen de oproerige boeren van Kenne- pierland daar toe aanleidinge gegeven te heb- J>en. Deeze in denjare 1268. Graaf Flo- ris minderjarig zynde, gebelgt en verbittert op de Edellieden, om dat die, volgens het gevoelen van den Heer van Loon, IV. deel /an de aloudeRegeeringe vanHolland,bladz. *6o. geen fchot betaalden, hadden een op- set gemaakt, om alle de Edellieden uit het land te verjagen, hunne Kafteelen en Ade- lyke huizen te vernielen , en het gantfche Sticht van Utrecht onder een gemeen Volk- beftier te brengen. Verfterkt door deVrie- fen en Waterlanders, hebben ze eerft de Kafteelen en huizen der Edellieden , in Kennemerland woonachtig, voor het groot- fte gedeelte afgebroken , en de eigenaars der zelve genootzaakt naar de Stadt Haarlem te vluchten en daar hunne fchuilplaats te nemen. Van daar zyn ze in Amftelland gevallen, en Gysbert van Amftel, onmach- tig om dezen hoop te wederftaan, heeft zich niet alleen met hen bezoent;maar zie h met zyn volk by hen gevoegt, en is hun Veld- heer geworden. Welke van deze gelegen- heit getracht heeft zich te bedienen, om zy- ne vyanden uit het Sticht te verjagen , en
* * 2 zich
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||
|
|
VOORBERICHT
Zich dus meefter te maken van de fterkte
Vreeland , welke gefticht was ter beteuge- linge van de Heeren van Amftel, en om hunne ftroperyen in het Nederfticht te be- letten. Deze Gysbert van Amftel is, om dit zyn voornemen uit te voeren, met dat volk naar Vreeland getrokken; doch daar dappe- ren tegenftant ontmoetende, en die fterkte niet konnende overmeefteren, heeft hy het volk geraden, fchielyk des nachts het leger op te breeken, en regel recht naar de Stadt U- trechtte trekken, om dezelve te overrompe- len. Deze raadt by hen goetgekeurt worden- de , 'zyn zy onverwacht voor de Stadts muren verfchenen. De Utrechtenaars, niet wetende wat hen overkwam , zyn ylinks met hunne wapenen op de Stadts wallen en toorens ge- klommen , dewyl 'er een gerucht verlpreit was, dat de Stadt door Tartaren en vreemde volkeren genoegzaam bezet en ingenomen was. Dies zich gereet vertonende, om de Stadt voor eenen vyandlyken aanval te ver- deedigen , heeft een der Kennemernaars, na verzocht verhoor , hen op deeze vvyze aangefproken: Het vrye volk der Kenneme- naar s groet ulieden als hunne vrienden , ern- ' ftig verzoekende dat gy lieden alle de Edellie- den , die de gemeente tot laft en befwaar zyn, uit ulïeder Stadt doet gaan, en hunne goede- ren aan de. armen geeft.
Deze
|
||
|
|
|||
|
|
||||
|
|
AAN DEN LEZER.
Deze aanfpraak hadde die uitwerkinge
by het gemeene volk , dat zy ftontmoedig door de .opgevatte wapenen hunne Regeer- ders, welke meeft adelyke en zeer aanzien- lyke perzonen waren , gedwongen hebben af te ftaan van het beftier der Stadt, en in hunne plaatzen aangeftelt de outfte van ie- der Gilde tot Borgermeefteren, Schepenen en Raden: en, bet hier by niet latende be- ruflen, hebben zy de Edellieden uit de Stadt verjaagt, en een verbont van eene on- affcheidelyke vriendfchap met de Kenne- menaars gefloten , waar by die van Amers- foort en Eemland zich gevoegt hebben. Deze oproerige menigte is niet lang meefter gebleven, en is de Stadt Utrecht twee jaren daar na ingenomen door Szveder van Beu- jichem die de uitgewekenen en gebannen en wederom in de Stadt gebracht, en de nieuwe aangeftelde Regeerders uit de Stadt gezet heeft. Doch deze zich wederom meefter van dezelve gemaakt en veel bloetftortinge ver- wekt hebbende , is daar na Nicolaas Catz, Voogdt van Graaf Floris, met ge wapent volk voor de Stadt gekomen, en deszelfs poor- ten verbroken, en de Stadt ingenomen heb- bende , heeft hy Utrecht van veele muitzieke geeften gezuivert. Niet tegenftaande de- ze veroveringe, is echter van dien tydt af de Regeeringswyze verandert, en meerder ** 3 eene |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
VOORBERICHT
eeneVolkregeeringe geworden, dewylvol-
gens het getuigenifTe van den Heer Buchel ad Bekam p. 95. en ad Hedam p. 223. de Gilden te dier tydt zyn opgerecht,by welke tot den jare 1528. de beheeringe der Stadt geweeft is. Welk gevoelen van den Heer Buchel fchynt te ftryden tegen het geenwy zoo even uit Beka hebben verhaald: te we- ten , dat na de aankomfl der Kennemena- ren , het verzetten der oude Regeerders, en het verjagen der aanzienlykfte luiden uit de Stadt, het gemeene volk tot de Regee- ringe hadde aangeftelt/<?»/om cujuslibet offi- cii, dat is, de oudtfle van ieder Gilde, waar uit men befluiten moet, dat 'er reets Gilden waren. Weshalven men dit zeggen van den Heer Buchel moet opvatten in dien zin, dat van dien tydt af ordre zal beraamd zyn om- trent de vereifchte hoedanigheden dier ge- nen , welke in de Gilden zouden worden aan- genomen , en voornamentlyk, dat van dien tydt af zy de macht verkregen, ofwel aan zich getrokken hebben, tot het Hellen van de Re- geeringe. Mogelyk zal by verdrag, terver- effeninge der vorige gefchillen tuiïchen de Edellieden en Borgers, verftaanzyn, dat in het vervolg zoo wel Edellieden als Bor- geren tot de Regeeringe zouden worden toegelaten. Immers dit is zeker, dat van dien tydt af, zoo wel de Edellieden, als de
Bor-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
AAN DEN LEZER.
Borgers zich in Gilden hebben begeeven ,
en dus deel gehadt aan 't Stadts beitier.
Deeze opftand der Kennemenaars word
van alle Hollandfche Gefchiedfchryveren, uitgenomen van Melis Stoke, in het breede befchreven , hebbende ik daar maar uitge- trokken 't geen Utrecht betreft.
De Gilden zyn, volgens de nette be-
fchryvinge van den Heer Dumbar in zyn Kerkelyk en Wereldlyk Deventer I. Boek. 8. Hooftftuk, geveftigde zameningen van borgeren , een en dezelve neeringe, of koop- handel , dryvende , of eene en dezelve konjl oefenende, of een en het zelve handwerk doen- de , aan zekere wetten gebonden.
Deze zyn vanden jare 1402.6611 en twintig
ge weeft, te weten de Hoofdgilden. Want in het boek dej: Rofen vinde ik in eene Over- drachte van 't jaar 1392. des vrydags na Sjans dag te midfomer gewag gemaakt van hooft gil- den en van lege gilden. Onder de legen zullen zekerlyk geweeft zyn de Barbiers, Wynko- pers, en ook Brouwers, die in den jare 1433. tot een Hoofdgilde zynaangefteldinplaatze der Vleyshouwers. Naderhant zyn de Hoofd- gilden vermindert, zoo als ik in deze Jaar- boeken op de jaren, in welke de verande- ringen voorgevallen zyn, aantekenen zal.
Na het jaar 1304. in 't welk wy den eer-
ften Gildenbrief gemaakt vinden, zyn om-
** 4 trent
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||
|
|
VOORBERICHT
trent de manier van verkiezingeby verfchei-
de Gildebrieven veranderingen gekomen. De zeer geleerde en verftandige Heer Grif- fier van de Water heeft de Gildebrieven van tydt tot tydt gemaakt by een verzamelt en uitgegeven in het derde deel van het U* trechtfch Placcaatboek I. Boek, tweede en volgende Titels ; waarom wy onnodig ach- ten, hier van meerder meldinge te maken, konnende de Lezer in het breede daar van bericht ter gemelder plaatze vinden, en zal ik ook op die jaren, in welke veranderingen gemaakt zyn, daar iets van melden.
De Regeering wierd jaarlyks verzet op
Vrouwen LichtmifTe dag, dat is , volgens onze tegenwoordige tydtrekening op den tweden February. Dit heeft plaats gehadt tot den jare 1483. wanneer de dag der ver- kiezinge geftelt is op Maria geboorte, dat is op den achtften September, ter gedachte- nifle van den vrede, die de Stadtin dat jaar, met Hertog Maximiliaan van Ooftenryk, naa eene langdurige belegering gemaakt hadde: 't welk geduurt heeft tot den jare 1510. wanneer verftaan is, dat de Raadt we- derom , als van oudts, op Maria Lichtmis ver* zet zoude worden. Wel is 'er in den Raadt nuendantuflchen tyden veranderinge geko- men , doch niet dan by tyden van oproer.
Op den dag der verkiezinge wierd 'er voor
af
|
||
|
|
|||
|
|
||||
|
|
AAN DEN LEZER.
afin de vyf Kloofteren en de vier Kerlpelker-
ken eene mifle gezongen van den Heiligen Geeft, om van den hemel te verkrygen, dat 'er eene goede Raadt verkoren mochte wor- den , en wierd daar toe aan ieder dier Kloofte- ren en Kerfpelkerken van Stadts wegen gege- ven een pond, en aan deBuurkerkwierden noch twee ponden waskaerfTen gezonden : daar en boven wierden aan de Heeren, die daar mede in de kerk waren, vyf paar hand- fchoenen gefchonken. Ook wierd opdien dag eene ilatelyke ommegang gehouden.
In des Cameraars rekening van den jare
1402. vinde ik, dat op Maria Lichtmis dag van Stadts wegen gegeven zyn negen en der- tig dozyn handfchoenen , die de Raadt oudt ende nieuwe, de Heeren, de goede luiden, der Stadts knapen en knechten op dien dag gedragen hadden,en dan noch zes paar zeem' fche handfchoenen, waar mede de O verften, benevens noch twaalf paar handfchoenen, waar mede de Vrouwen van de Overften oude en de nieuwe befchonken waren.
Geenen Borger, die, volgens Stadts rech-
ten , verkiesbaar was tot een lidt des Raadts, was het geoorloft op Vrouw Lichtmifle dag uit de Stadt te gaan, op verbeurte van vyftig ponden en een jaar uit de Stadt te zyn, ten zy by toeftemminge der vier Over- ften , of dat hy konde aantonen, dat hy van ** 5 ken- |
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
f
|
||||
|
|
|||||
|
|
VOORBERICHT
kenliken nootzaken van zinen live , ofte van
weder in der Stadt met c omen en mocht e. Dit wierd alle jaren omtrent drie Koningen ter klokke opentlyk afgeleezen. Zoo waren ook alle volle Gildebroeders verplicht op dien dag ter morgenfprake te komen, om te loten in die Gilden, waar in zy behoor- den, en dus de Oudermannen te verkiezen. Die dit verzuimden , verbeurden de Stadt een jaar lang , ten zy ze zoo fterk van lyve niet waren , dat zy ter morgenfprake kon- den komen.
Oudtydts iemand verkoren zynde, en niet
willende te Rade komen, verbeurde vyftien ponden, en was nimmermeeer gedurende zyn leven verkiesbaar. Het fchynt, dat echter veele dit liever hebben willen on- dergaan , dan dezen lafl op zich nemen. Waarom in den jare 1375. nader verftaan is, dat iemant daar mede niet vry, maar verplicht zoude zyn, zoo de keur op hem valt,dien op te volgen, ten zy hy zvveere, zoo krank van lyve en van zinne te zyn, dat hy den Raadt niet nutte is , en dat deze de eenigfte reden is, waarom hy zich ver- fchoont.
De Regeeringe geftelt zynde, mochten
de Overften niet van het Raadthuis gaan, voor dat zy Stadts ampten, of, zoo wy thans zouden zeggen , Stadts commifficn , die
door
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
AAN DEN LEZER.
door de Leden van de Regeering wierden
waargenomen, hadden bezet voor dat jaar, volgens overdracht van den Raad donder- dag na alle Gods heilige dag 1399. genomen, en te vinden in het Roolè boek. Dit moeft aanftonts gefchieden , om te voorkomen alle laftige aanzoekingen , en op dat de O- verften dus vry die geenen zouden verkie- zen, welke zy de bekwaamfte tot die poften oordeelden. Deze ampten, waar toe leden van den gemeenen Raadt zyn benoemt, vinde ik van den jare 1402. door de Over- ften jaarlyks begeeven, Cameraars, Schut- tneefters , Weydegrave , Heemraad op den Lekkendyk , Beghynmeefler , Siekmeefter, Bannemeefters, Busmeefters op het Ouder- mans huis , Busmeefters van den Rade, tot de Quadien in het voor en in het najaar, tot alle voegen en diependieterStadtwaartsgaan, Kerkmeefters van de Buur, S.Jacob enS.Ni- colaes kerken , totter timmeringe ter Minre- broeders, totter fleutelen van des roden toorn poorte aan die weftfyde, van S. Katrinen, van der Weer d, en Wittenvrouwen poor- ten , van de poorte by S. Servaas , van der poorte op S. Jans Oudwyk , van de banklok, totte fleen van de nieuwe vechtkeuren, tot de lotinge vier mannen , tot de keuren van de wyn vier mannen , Keurmeefteren van de vecbtkeuren, Hooftmans van de vier vieren»
deelen*
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
VOORBERICHT
deekn , tot de wichten , maten en ellen., tot
de tonnen tyken, tot de Engelfche lakens > en tot de Kraan.
Behalven deze vinde ik voor dien tydt
noch meerder afgefchikten ter verrichting van deze of geene zaken. Zoo heeft de Raadt den negenden Maart 1388. befloten , dat niet meer vrouwen in de vaften zullen gaan bidden ter Minrebroederen en Jacobinen behoef, maar dat twee mannen uit den Raadt zullen gezet worden om te bidden, dat is aalmoeffen te vragen, tot behoef dier Kloo- fleren : en in 't zelve jaar des vrydags na S. Pieters dag ad vincula, dat alle jaar, als de nieuwe Raadt verkoren is, een man uit den nieuwen by een man uit den ouden Raadt zoude gezet worden , tot het Holpitaal van S. Catharine , om die , indien 'er eenig ge- brek in het Hofpitaal was, daar over aan te (preken. Zoo zyn ook op S. Lucas dag 1391. twee Oudermannen jaarlyks gezet, welke beletten moeften het voorkopen van wilde ganzen, vogelen, kyvieten, pluvie- ren , fhippen , duiyen, of eenig ander wild- braat.
Naderhant is hier verandering in geko-
men , en zyn deze Stadts arnpten niet door de Overften, maar door den gantlchen Raadt by lotinge vergeven. Op dien zelven dag van Maria LichtmifTe
ble-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
AAN DEN LEZER.
i
bleven de Overften met de Cameraars en
Dienres , dat is, Boden, op het Raadthuis eeten , en des avonts kwamen de oude en nieuwe Overften op het Schepenhuis, daar de oude Overften hunne laftige zaken ver- Jpraken of opdeden aan de nieuwe. Dat is te zeggen , dat zy daar kenniffe en openinge aan de nieuwe Overften gavenvandenftaat der Stadt, en van die zaken, welke in het' vorige jaar begonnen en noch niet voleind waren , en die nu van de nieuwe Overften moeften verricht worden. Op dien avondt wierd ten kofte van de Stadt gefchonken en gegeven, ypecras, malvefye, wyn en kruid, als uit de jaarlykfche rekeningen van de Ca- meraars blykt.
Verfcheide benamingen wierden aan de
Raadtsbefluiten gegeven, als Overdrachten, Slytingen, Ramingen, Klaringen en Beliefte- riffen. Overdrachten waren dagelykfche be- fluiten over voorgekomene zaken, voor al dienende tot de Politie, en 't welwezen van de Stadt. Sly tingen oiïSlitingen wierden genoemt uitfpraken van den Raadt tuflchen twee of meerder partyen, en voornamei yk vonniflen over misdadigen, het zy de misdaadt met geit, banniflement, of aan lyf of lidt geftraft wierd. Ramingen waren ordonnantien en inftru- ótien op deze en geene amptenaren gemaakt. Klaringen waren uitleggingen van befluiten
voor-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
V O O R B ER I C H T
vooityds genomen, die nader verklaard en
uitgeleit wierden , en te Believen wierd de Raadt gezegt, als zy iemand gunft bewees. Ook vind men veel meldinge van Wilko- ren , welke waren verbinteniiïen , waar in iemand voor den Raadt,als door eene eige vrye wilkeur , zich hadde verplicht iets te doen, met dat gevolg, dat, indien hy zulks niet nakwam, de Raadt, het zy daar toe aan- gefproken, het zy uit zich zelfs, hem zon- der nader verhoor of rechtsgeding, tot het nakomen van het beloofde, of tot eene zekere boete, veroordeelde.
Schoon de oude Raadt totdengemeenen
Raadt behoorde , zoo was echter het dage- lyks beftier by den nieuwen Raadt, welke den ouden Raadt riep, wanneer zy dieno* dig hadde. Hebbende ik niet konnen vin- den , dat de oude Raadt afzonderlyk verga- derde, of eenige befluiten alleen genomen heeft; maar wel de nieuwe Raadt, en had- den de Overflen van den nieuwen Raadt Stadts bannier, en wel bepaaldelyk de nieu- we Schepenborgermeefter, wordende jaar- lyks 't zelve van den ouden tot den nieuwen Borgermeefter na de verandering des Raadts overgedragen. Dus hebbeik op der Came- raaren rekeningen gevonden, dat daarvoor jaarlyks aan den overbrenger van Stadts we- gen betaald is een pond en tien ftuivers:en
wa-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
A A N D E N LEZER.
waren de nieuwe Overften hoofden van de
Stadt, zoo als uitdrukkelyk gezegt wordt in het dagelyksRaadtsboek 's Vrydags na Mar- cus Euangelift 1426. Wat nu de nieuwe Raadt alleen, en wat ze met den ouden Raadt moeft berechten, is bepaald des Saturdags na Mar- grieten dag 1379. te vinden in het Utrechtfch Placcaatb. III. Deel bladz. 70. getrokken uit het Liber Albus. In welk boek ik noch eeni- ge keuren den Raadt aangaande, gevonden nebbe, welke ik oordeele den Lezer, om hem tot betere kennifle van de oude regee- ringe op te leiden, niet te moeten onthou- den , zullende de veranderingen , die in volgende tyden hier omtrent gemaakt zyn, in deze Jaarboeken laten invloeyen. Deze Keuren zyn van dezen inhoudt:
Des Maandags op thuys te wefen onghebo-
den bi eenre pene van drie duyten, ten -ware beylich dach. des Woensdag felmen after op thuys ivefen, fonder oorlof te nemen, op een pene van zes penninge.
De Borghermeyfters feilen de Scepene ende
ten Raed bieden moeghen op ter Stathuys alfo dicke, alfe ft willen , ende hem der Stat oor- baer donSt wefen, tot eenre penen toe van vyf fcittigen fwarter tornoyfe. ende desgelyke moeghen de Overfte Oudermanne de ghemey- ne Oudermannen bieden alfo dicke alft hem nutte, ende ter Stat oorbaer donÏÏ wefen.
Endi
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||
|
|
VOORBERICHT
Ende oec fo feilen de Borghermeyfters ende de
Overfle Oudermanne den ouden Raadmoeghen bieden bl denfelven koer, alfo dïcke alft hem nutte donft , ende der Stad eorbaer wefen, ende de nywe Borghermeyfters ende de ny- we Oudermanneh feilen de coeren wtpan- den.
De Borghermeyfters fo wat Scepene of
Raedsman ft kyefen, om ene boetfcap te dons bitten der Stat, et ft veer of na, weyghert bys, de ghelt vyfpont, ten waer dats hem een man ontreyden mochte bi fïnen ede., ende dat hyt van zukede van fïnen live, of van ve- ten , des nyet doen en mochte, ende desghelic moegen de Overfte Oudennannen doen onder de ghemcene Oudermanne.
So wat Scepene of -wat Raetsman, of-wat
Ouderman, men beveelt ene fake binnen der Stat tot eenre tyd, dade hys dar en binnen nyety de goude twaalf Engelfche.
So waf ff vinden , Scepene, Raetsmanne
ende Ouder mans op f huys om befte te tiouden, dat feilen de ander houden ftade> dedaernyet fin.
Dit is de gemene Stat te rade geworden,
dat men nyemant kyefen en fal'weder opt huys te comen binnen jaers na dien daghe dat hi van den huys gaet, is hi Scepen , Raed, of Ouderman van ghilden.
Shechytmant den anderen linnen der Stad
|
||
|
|
|||
|
|
||||||||
|
|
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
AAN DEN LEZER.
Ra de, van Soepen) van Rade, van Ouder*
nanne, de eerfle floege verboerde twintig ïont, die wederfloege verboerde nyet; ende 'fo -wie mede/Joege aen de en of ander fide, die verboerde oec twintichpont: ende waerymant, tie daer mejfe off kuive , of enighe wapen "toeghe, die verboerde oec tien pont. ende enich man, die den andere mit meffe of ander wa- n/loege) offtake, die verboerde vyftich ïont, ende ewich wt den Raed. die den an- fore hgghent binnen der Stad rade, geit een bont.
De Borgermeyfters van der StAtfyn, die
feilen houden der Stat kifte mit horen brieven, ritten feghel,, V gewiekte , entê elne, ente reep, ente mate, ende ft feilen der Stat woerd bonden binnen der Stat.
Geen Borgermeyflers te samen, die mal-
c ander en af t er fuft er s kinderen fyn, of naere maech; oick geen Overfte Oudermanne, ende geen van hem vieren malkander zo na zyndc zeilen te zamen in defe ftoel zitten.
Voorts ftaat in dat zelve boek noch aati-
geteekent: Des Sonnendaghes na S.Servaes- dach 1364. wert overdraghen mit out Raet ende mit nyewe , ende mit ghemeenre mor- ghenfprake van allen ghilden , alfe dat die Raet van der Stat noch de ghilden van defer tyd voert gbeen verbant noch overdrachte maken en %ükn mlt enigben Her e, ofte mit
* * * <V£-
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
|
|
||||||
|
|
|||
|
|
VOORBERICHT
yemant, dat in enigher manieren gaen moei-
te tleghem der Stat vrihede ofte tleghens hu- ren ouden haercomen.
Ook hebbe ik noch dit volgende aldaar
geboekt gevonden: Waer enich man van den Rade, die ghenot name van jemant om en, zake te vorderen, ofte hinderen in den Ra de, daert die Raet ter waerbeyt vonde, dl- zoude dat ghenot ter doeken brenghen , end- daer toe eweliken uten Rade voefen. Voer' tvorde yemant beruft van dezen zaken , dl zoutmen ter antworde ontbieden voer de. Raet, ende zo zoude die Raet vyf manne daer toe zetten , dat waer ivt te gaen , ene vont men dat hl f c out hadde, zo zoude bidej fentencl Uden : ende vondmen onfculdich, z zoude die ghene, die dat ane gebracht hadde die zelve j entend hebben, die de ghene gheha foude hebben, die daer of beruft waer. Dl wert overdragen inlt ghemeenre morghen fprake van allen ghllden, Intjaer ons fiere 1365. op onfer Fr ouwen avont te Licht ml f
Hoe ven-e nu deze oude Regeeringsw
te pryzen of te laken is, zal ik niet nau* keurig onderzoeken. Het is daar mede g legen, als met alle menfchelyke verrichti gen, welke niet volmaakt konnen en mo ten zyn, en met alle Regeeringswyzen, welke altydt iets goedts en iets kwaadts keuren is. De kenniffe der gefchiedeniflc
mot
|
||
|
|
|||
|
|
||||
|
|
AAN DEN LEZER.
moet ons, die roemen Chriftenen te zyn,
voor al in het befchouwen van het tydelyk beftier van zoo veele Ryken en Landen in het Geheel-al, waar in zo veel verfcheiden- heit befpeurt word, en waar over zoo veele verftandige Mannen gefchreven en hun oordeel gevelt hebben, om deze of geene voor de befte, ja zelfs de volmaakfle, aan te pryzen, doen aanbidden de wonder- lyke fchikidnge en wyze voorzienigheit van het Groot Opperwezen; op dat door het bevinden van het gebrekkelyke in des waerelds zaken, onze harten en zinnen niet te veel zouden blyven hangen aan hetaard- fche; maar aangezet worden tot het zoeken naar het wezentlyke, beftendige en volmaak- te, 't welk eerft na dit leven volftrekt geno- ten zal worden van die geenen, welke al- leen uit zuivere genade, om de verdienden van Chriftus, door den invloet van den Heiligen Geeft gefterkt en bemoedigt, hier in oprechtigheit gelovig wandelen en Godts raadt getrouw uitdienen zullen.
Billyk moet men zich verwonderen, hoe
deze Regeeringe zoo lang ftant heeft gehou- den , als men acht geeft op de verfcheide zware oorlogen , die zy heeft moeten voe- ren tegens machtige Heeren en Vorften, welke jalours over Stadts welvaren en ryk- dommen waren: en wanneer men let op de *** 2 me- |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
VOORBERICHT
menigvuldige ontftane oneenigheden tus-
fchen haar en zommige Bifichoppen: doch voor al als men nagaat de gedurige beroer- tens en oproeren, zoo dikwerf in de Stadt verrezen. De beftendigheit van het beftaan dezer Regeeringswyze moet zeker- lyk veel toegefchreven worden aan het vol- ftandig nakomen der Grond-wetten, waar op de Regeering gebouwt was, aan de goe- de en gedurige waakzaamheit der Regeer- ders , om hunne Borgeren en Onderzaten ongefchonden te doen genieten de Voor- rechten hen toekomende , en te befcher- men tegens alle , die daar indracht in de- den : en dan ook aan den anderen kant voor- namentlyk aan eene gehoorzaamheitenvol- flage onderwerpinge der Borgeren en Inge- zetenen in het nakomen der beveelen van den Raadt, en aan het getrouw waarnemen van alle dienflen, die dezelve van hen vor- derde. Men moet roemen hunne waak- zaamheit ter voorkominge van onverwach- te aanvallen der kwaadwillende, hunne on- verzaagde dapperheit in het ftryden tegens devyanden, en hunne gewilligheit, omal- ies, dat tot belcherminge en veiligheit, als mede tot wezentlyk welzyn van de Stadt ftrekte, te helpen bevorderen, ja zelfs te bearbeiden. En fchoon 'er dikwerf tegens 4e Regeerders oproeren verwekt, enveele
aan*
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
AAN DEN LEZER.
nanflagen gelmeet zyn,om de Stadtteover*
rompelen, zoo zyn dezelve doch meeft door de trouwe hulpe der goede Borgeren geflilt en verydelt. Om den Lezer van het een en het ander te overtuigen, heb ik al- les , 't geen my voorkwam zonderlinge op- merkinge te verdienen, betreffende de wy- ze van Regeeringe, de verflandige Raadts- befluiten,tot welzyn van de Stadten welva- ren der goede Borgeren en Ingezetenen genomen, als mede de volvaardigheit der Borgeren en Onderzaten in het volbrengen der plichten en dienflen, aan hunne Re- geerders verfchuldigt, niet vergeten te mel- den. De ondervindingc van alle tyden heeft geleert, wanneer aan beide zyden, zoo door de Regeerders als door de Bor- gers, aan deze zoo betamelyke en onder- gefchikte plichten word voldaan, dat het dan eene Stadt wel moet gaan; en dat by wedcrzydts verzuim , de bloeiftandt van geenen duur wezen kan.
Meerder zal ik voor tegenwoordig niet
zeggen, alleenlyk maar hier by voegende, my niet te verbeelden , dat ik niet hier en daar eenige misflagen begaan, of overgefla- gen hebben zal 't geen gemeld hadt moeten worden. Het zal my tot e en groot genoegen flrekken,indien ik befcheidentlyk daar van onderricht worde, dewyl myn voornaamfte
toe-
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||||
|
|
VOORBERICHT.
toeleg geweefl is, om niets, dan 't geen
waarlyk gebeurt is, en my niet ondien- ftig om te weten voorkwam , te verhalen. Neem dan myne pogingen ten goede, en vaar wel. |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
UTRECHT, den
achtften Septem- ber. MDCCXLIX. |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
UTRECHT-
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
|||||
|
|
Pag. t
|
||||
|
|
|||||
|
|
UTRECHTSCHE
JAARBOEKEN
V A N D E
VYFTIENDE EEUW.
1402.
Jermits de Raad jaarlyks op Vrouw Lichc-
mifle, en dus in den beginne desjaars, verkoren wiert , zal ik hier en in 't vervolg , eer ik verbale , 't geen in dat jaar merkwaardig voorgevallen is , eerft opgeven de perzonen , die in dat jaar de Stadts Regeeringe hebben uitgemaakt, hebbende ik de lyften daar van zelfs uit onzer Stadts boeken nagefchreven.
In dit jaar 1402. vinde ik tot de Regeeringe ge"
roepen te zyn de navolgende perzonen.
Schepenen.
Gheryd Vrencken , Borgermeifter.
Johan Hombout. Claes van Loenen. Willam van Minden. Johan Liboert.
A Wil-
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
3 UTRECHTSCHE 140».
Willam Scade van Tulle.
Johan van Lantscrone.
Gheryd van Damaffche.
Willam van Winfen.
Ysbrant van der A.
Zweder van Houdaen.
Ghcryd van Damaflche Gheryds zoen.
Raden.
Volprecht van Amerongen, Borgermeifler.
Godevaert Spiker.
Claes Ketelaer.
Tyman Herboert.
Peter Foeyte.
Steven van Sleen.
Melys Aerats zoen.
Lodewyk de Wale, Lubberts zoen,
Jan de Wit.
Claes Sloyer.
Henric van Endoven.
Jan Gheryd Gepels zoen.
Louwerens van Hamerfteya.
Tyman Witvoet.
Peter Walmaer.
Dirc Willams zoen.
Jan de Wit Ghysberts zoen.
Tyman Hazaert.
Dirck Ruyfch.
Peter Jacobs zoen.
Gheryd van der Wierze,
Jan Ghisberts zoen.
Jacob Vrederix zoen.
Henric Moerkin.
Ou-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
i4oa. JAARBOEKEN
Oudermannen.
Jan van Clarenborch. T w,r s
jacob Sloyer, Henrixzóen/ Wantf«»der».,
Tyraan Yfebrants zoen. -> c . , Dirc Wouter. > Smders'
Lamberc Peter Jans zoens zoen. -i n ,
Tacob Paflaert. F Backen.
Michiel Borre. » ». .
Peter Jan Kinkelaers zoen. > M°eto<*«.
Marten Ouderogghe. , T. Jan Lourens zoen. > Linnewevers. Jacob Eeberts zoen.-. »», - , Jan Pot Overcamp. > V^yfchouwerS.
Herman Wouters zoen. -, .,.- ,
Henric Pouwels zoen van Vredelanc/ ^c^OP
Henric de Witte. -, T
Jonge Jacob Haec. > Louwers'
Lamberc Grote Willams zoen. 7 ,,, .,
Jan de Vroede. > Wollewever..
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
Jan Vale van Goudenberch.-i ^
Uirc Godevaerts zoen. > Cordewamers. Herman van Wezel.-» r» j j Herman Scoute. > Oudecordewamers.
Andries de Witte., ,-, ,
Roelof de Kraen.}Corenk°P«rs- Pouwels van Nymeghen. i r\ i r-j Andries Paep Lawen zoen.> Oude wan tfmderi.
Claes Huberts zoen.-, c , . ,
Ohcryd Bolle. > Steenbekers.
Aa Jan
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||||
|
|
4 U T R E C H T S C H E 140».
ft" P°w i } Grawerkers.
TymanWalmaer. s
Willam van Vloeten, y R emfniders.
Tyman van Dorfchen. J Michiel Thomaes zoen.-j, B lhoowers. Claes Splinter. |
|
||||
|
|
||||||
|
|
Herman van Amersfoerde. \ 7j_in,,r<t
w r* n ITT T r /^tiutiULi ,st
Willam de Haze Jans zoen. J
In dit jaar is de Stadt Utrecht in een fwaren
oorlog met den Heer van Arkel geraakt , die , ver- bittert op de Utrechtenaars wegens den byftant die zy In 't jaar 1397. gedaan hadden aan Heer Hen- drik van Viancn en Ameyde tegen de roveryen van Jan van Arkel, baftaart zoon van Jan van Arkel, geweze Bifïchop van Utrecht , gepleegt in het' Land van Vianen uyt zyn kafteel Reyneftcin ,haar veel nadeel en belemmeringe toebragte op de ftroom van de rivier de Lek , voor al uyt de ka- fteelen Hage/lein en Everflein , welke eertyts aan het Bisdom hadden behoort , doch nu door den Heer van Arkel bezeten wierden. 'T welk door den Raadt der Stadt Utrecht aan de Gilden bekent gemaakt zynde , hebben die den Raadt gemach- tigt, om dit ongelyk en gewelt met macht te we- derflaan , of door een redelyk verdrag met den Heer van Arkel genoegdoeninge te erlangen.
In deze tyd was Heer van Arkel Jan , zoon van
Otto , voortyts een groot gunfteling van Hertog Aelbert van Beyeren , en door denzelven tot Stadt- houder, Rentmeefter en Thefaurier van Hollandt aangeftelt. Deze , het hooft der Cabeljauwfchen ,
had-
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
1402. JAARBOEKEN. 5
hadde Hertog delben aangezet tot onmin (i) met
zyn zoon Willem, Grave van Ooftervant, die een voorftander was der Hoekfchen. Doch deze nader- hant met zyn Vader verzoent, zette Hertog Ael- bert aan, om Jan van Arkel af te eyflchen, re- keninge te doen van zyne tienjarige beheeringe, als Stadthouder, Rentmeefter en Thefaurier van Holland. Arkel dit weigerende , wierd afgezet van de zo evengenoemde bedieningen, alle zyne goederen en heerlykheden, in Holland gelegen, wierden in beflag genomen, en hy zelfs uit Hol- land gebannen.
De Heer van Arkel, een trots en hoogmoedig
Heer , zich hier door verongelykt rekenende , kwam tot die verwaantheid,dat hy en Hertog^e/- bert, en zyn zoon Willem de vriendfchap opzei- de, en dus den oorlog aankondigde , fchoon die hem te machtig waren. (2)
Om dezen oorlog tegen den Heer van Arkel te
krachtiger voort te zetten, maakte Hertog Aelbert en zyn zoon Willem een verbont, met de Stadt Utrecht, om hem te hulpe te zyn, in dezer voe- gen :
Aeïbrécbt bi Goeds ghenaden Palensgraveop
ten Ryn , Hartoghe in Beyeren , Grave van Henegouwen , van Hollant, van Zelant ende
Heer
(i) Ziet Gouthoeven Chron. bladz. 407. fchoon Pontanus
lib. vin. Hift. Gelr. p. jöo. het tegendeel zegt met deze woorden , Johannts Arculenjts Gtilielmum cum facfione Ha* matorum in parentem Albertum acrius infurgentem irae pa* ternae eripuerat.
(i) Steunende op zyne leenheeren de Hertogen van Brabant
en Gelre, volgens Sligtenhorft vin. Boek derGelderfche Ge- fchiedeniffen bladz. 174. en voor al op de verwantfchap met Willem Hertog van Gelre, wiens zufter by getrouwt hadde.
A 3
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
6 UT RE C H T S C H E 1402;
Heer van Vrieslant; ende Wiüem van Beyeren,
van Henegouwen, ende van Hollant, bi der zelver ghenaden Grave van Oeftervant, maken cont ende kenlic allen luden , dat wi mit goeden voerzien ende wel beraden, ende bi wille ende goetduncken onzer Rade ende Steden, gunfte- fiken overdraghen zyn mit der Stat van Utrecht ende horen borgheren, alze van zulke ghebre- ken ende vercortinge, als fy ende wi, ende elc bifonder, hebben aen Johan Heer 't Arkel. In den eerften zoo zal die Stat van Utrecht ende hoer borgers voerfcreve , overmits der ghebre- f, ke ende vercortinge voerfcreve , onze hulpers wezen op hoers felfs ghewin ende verlies, op ten Heer van Arkel voerfcreve, ende op alle zine hulpers , ende zullen mit ons bezit doen voer des Heren flote van Arkel nu ende tot an- deren tiden,alzo langhe,als ditoerlogheduert, daer dat viven van onzen Rade, alze den Heer van Fyanen, den Heer van Montfoerde, den Heef van wajfenaer> Haren Henric van der Lecke , ende Philips van den Dorpe; ende die van der Stat Rade voerfcreve , alze Gheryt Vrencken , Gbizebrecht over de Vecht ende Wouter Gra- waert, nutte duncken zal. Ende zo wanneer dat wi , of onze vrienden ende de Stat van Utrecht voerfcreve zamentlic in den velde zyn, zo wes vanghen , dat dan ghevanghen worden in den velde, ofte op ten floete, ofte wes ha- ve ofte goet, dat men creghe, daer onfe lude ende hulpers, ende der Stat borghers en hul- ,, pers , te zamen over waren , en onderlinghc daer om twyden ende fceelden, dat zoude gaen na ghoetdonken ende wtwizinghe van zes man- ne, die men daer toe nemen zoude, alfe drie
van
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1402. JAARBOEKEN. 7
van onzer weghen ende drie van der Stat weg«n
van Utrecht. Ende waert dat die zefle voer- fcreve nyet overdraghen en conden, zo zoude de Heer van Vyanen daer een overman of we- zen : ende mit welken dryen dat hyt wyft, dac zullen wi op beyden Gden houden ende vol- ghen. Ende waert dat wi, of de Stat van Utrecht voerfcreve vyande creghen om dezer voerzeyder zaken wille , daer zouden wi mal- canderen trouweliken of biftaen , ende in te helpe comen , na leghenthede der zelver zake van den yianden. Ende waert dattet ons enter Stat van Utrecht voerfcreve ontftonde , ende den Heer van Arkel voerfcreve gheen flote of en wonnen, ende zonder vrede, zoene of be- ftant men velde fcheyden,zo zouden wi mitter Stat van Utrecht een baftie opflaen in den ghe- ftichte van Utrecht, neffen Everfteyn , ende die becoftighen ende bezetten mit hem half en- de half, alzo dat beyde landen daar mede be- waert waren, duerende dit voerfcreve oerloghe wt. Voert zo en zullen wi zoene, vorwaerde, vrede, noch beftant gheven noch maken, noch- te laten maken in gheenre wys mitten Hereu van Arkel, mit IVillam zinen zoen, noch mit horen hulperen, ten zi bi wille ende confente der Stat van Utrecht voerghenoetnt.
Ende alle deze voerfcreve punten ende vor-
waerden , ende elc punt bizonder, hebben wi gheloeft, ende gheloven voer ons , ende voer onze nacomelingen, der Stat van Utrecht voer- fcreve, vaile ende gheftade te houden , ende nyet te verbreken in gheenre wys. In oercon- de dezen brive bezeghelt mit onzen zeghellen hier aen ghehanghen. Ghegheven in den Hage
A 4 op
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
8 UTRECHTSCHE 1404,
op ten drie endetwintichftendachin Junio,in't
jaer ons Heren duzenc vier hondert endc twe. (i)
En op dat de Stadt Utrecht geruft konde zyn,
dat na Hertog Aelberts, die reets out was, over- lyden , zyn zoon en opvolger haar niet zoude la- ten zitten , maar een trouw bontgenoot blyven , heeft Willem de zoon van Aelbert haar dezen brief uitgelevert;
Willam van Beyeren, van Henegouwen en-
de van Hollant, bi der genaden Goeds Grave ,, van Oeftervant, maken cont ende kenlic allen luden , dat wi om zonderlinghe gunfte ende vrientfcap te houden , gheloeft hebben ende gheloven mit goeden trouwen der Stat ende den borgheren van Utrecht, als dat wi alzo langhe , als onze lieve Heer ende Vader in le- venden live is, ende na zynre doet, alzo lan- ghe, als wi in lerenden live zyn, nyet ghehen- gen en zullen , dat hem yemant oerloghe wt ons liefs heren ende vaders landen , (leden en- de heerlicheden , zo waer dat die gheleghen zyn, ende daer gheen hulpe toe doen, teghens der Stat van Utrecht voerfcreven, ende oec nye- mant ghehenghen en zouden op hem fcade te doen wt den landen ende heerlicheden voer- fcreve, ende hoer borgheren altoes veylichzul- len laten varen ende keren mit horen live ende goede binnen den landen , fteden ende heer- licheden voerfcreven , wtgenomen , dat men eiken man van fcade ende van fcoude een on« vertoghen recht doen zal; behoudeliken den borgheren van Utrecht zulc recht ende vr-yhe-
>» de
faj Ziet Mattb. t. ix. Anal, p. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||
|
|
1402. JAARBOEKEN. 9
de , alze onze lieve heer ende vader hem bï
onzen ghoetdoncken ghegeven heeft , tufichen (i)Noede ende Bodegraven, gheliken die brie- ,, ve daer of inhouden, die zidaer of hebben. Mer waer dat zake , dat onze lieve heer ende vader, ofte wi den Biflcop van Utrecht eerfte aenta- ften ende oerloghen wouden, ende des nyette |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
|
|
befcheyde comen bi gheliken luden , diewiaen
|
|
||||
|
|
||||||||
|
|
beyden fiden daer toe zetten zullen , zo moch-
,, ten zi den Biiïcop helpen horen Heer, ofzi wouden, alzoo verrealshytvervolghedeaendie Ecclezi, Ridderen, Knapen ende der Stat, al- ze hi fculdich waer te doen. Ende alst alzo verre vervolcht waer, dat onze lieve heer ende vader, of wi ende zyn lande , fteden endeheer- licheden voerfcreven , niet te befchede comen en wouden , alze voerfcreven is , ende die Bif- fcop voerfcreve der ftat alzo vervolcht hadde , dat zi zyn hulpers weien wouden , zo zouden zy t onfen lieven heer ende vader , ofte ons , viertien daghe te voren weten laten , eer dat zi ons aentaften , of ons, ofte onze lande, fteden ende heerlicheden voerfcreven deren mochten, ofte onzen heer ende vader voerfcreve , ofte wi hem. Ende daren tenden zouden dezevor- waerden qwyt wezen. Ende gheviele oek eni- ge ftote tuffchen der ftat voerfcre've , ende on- zen lieven heer ende vader ende ons, ofte den landen , fteden ende heerlicheden voerfcreven, daer en zal men nyet om oerloghen , mer die in gebreke waren , zoudent aen den anderen
ver-
(i) Noede] Hier door wort verftaan de Grebbe , zyndede
(^rencfcheidinge tuiTchen het Sticht en Gelderland, '/iet Matth. de Jure Gladii vii. p. 61.
A 5
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
||||
|
|
io UTRECHTSCHE 1401.
verzoeken , ende binnen viertien daghen ten
langften zullen wi van elker zide twe manne van onzen rade zetten dat te befcheyden ende te vergaderen tot eenre gheliker ftede. Ende en overdroeghen zys nyet binnen viertien da- ,,, ghen na dien dat zi te gader quamen, of daren binnen niet en koeren enen gheliken overman, zo zeilen zi tenden dien viertien daghen, alzo verre alze de ftat in ghebreke is, invaren t'U- trecht , nyet van dane te fcheyden, voer dat zi enen gheliken overman ghecoren hebben, ende dat zeggen ghewc. Waer oec dat zake , dat onze lieve heer ende vader, ofte wie, ofte de lande , fteden ende heerlicheden voerfcre- ,, ven in ghebreke waren , zo zouden zi varen binnen Dordrecht,in der zelvermanyerenvoer- fcreven. Ende die Overman zei macht hebben dien twift te fcheyden bi tween of meer van den vieren voerfcreven, ende een yghelic van hem zei veylich wezen binnen den fteden voerghe- noemt. Voert zo en zei de ftat voerfcreve gheen oerloghe maken op ons liefs heren ende vaders manne, die in den Ghefticht ghezeten zyn(i) ten waer of die Bificop , of die ftat voerfcreve van dien mannen eerft aenghetaft worden; be houdeliken nochtans dit voerfcreve verbant in alre zynre macht te bliven. Ende alle deze voerfcreve punten zyn te verftaen zonder arghe- lift. In oerconde dezen brieve bezeghelt mit onzen zeghele. Ghegheven tot Sevenhoven des dinxdages na finte Jans dach middezomer,
int
(i) Tot ophelderinge dezer woorden kan nagezien wor-
den 't geen Matthaeus de Jure Gladii cap. xr. aangeteikcnt heeft. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1402. JAARBOEKEN. u
int jaar ons heren duzenc vier honden en
tw . (i)
En heeft den Raadt dezer Stad,ter beantwoor-
dinge dezer verbanden, twee brieven, een aan Hertog Aelbert en een aan Graaf JViilem, uitgele- vert, welke beyde by Matthaeus torn. u. Anal. p. 478- & feq. konnen gelezen worden.
En dewyl de Heerlykheid van der Leede onder
't Bisdom behorende , thans t'onrecht door den Heer van Arkel wierde bezeten, die uyt de floten Hageflein, Everftein en Lederdamvee\ nadeel aan de Burgers van Utrecht toebracht, hebben Her- tog Aelbert en zyn zoon Willem by een bezegelde brief belooft, als deze kafteelen bemachtigt wier- den , dezelve af te breeken, en het Sticht te doen behouden de heerlykheden hoge en lege van den lande van der Lede, en indien den Biflchop kon- de aantonen , de Heerlykheid van Hageflein, en- de de Heerlykheden van den lande van Haeftrecht aan het Sticht behoort te hebben, dezelve aan den Biflchop te zullen laten. De brief hier van gege- ven (a), luit aldus: Aelbrecbt bi Goods ghe- naden Palensgrave op ten Ryn, &c. en Wil- lam van Beyeren, van Henegouwen, van Hol- lant bi der zelver ghenaden Grave van Oofter- vant, doen cont allen luden, dat wi ghelooft hebben, ende gheloven voer ons , ende onzen nacomelinghen der ftat van Utrecht, alfe waer dat fake , dat wi ende onze viende wonnen enich van Haghenfteyn , Everfteyn , ofte Le-
dcrdani,
(O Mattb. t. ix. Anal. p. 4;f. ftelt den datum Donre-
dacbs.
(i) Ziet Matth. u. de Nobilit. 10. de JureGladH xn. p*
181. en torn. ix. Anal. p. i6y. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
12 UTRECHT S CHE 1402.
derdam , dat men dan die rechtevoqrt neder-
legghen zoude , ende nummermeer weder op timmeren , noch laten op timmeren op die fteden, noch op gheen fteden in dien landen voerfcreven, noch in dien zelven landen num- mermeer tollen te legghen. Ende die Biflcop van Utrecht zeilen hebben ende behouden die heerlicheden hoghe ende leghe van den lande van der Lede. Ende zo wanneer, datdieBif- fcop van Utrecht, de nu is, of namaels wezen zei in der tyd,houden wil mit feven ftolen(i),
dat
(i) Van deze manier van bewys van eygendom met feven
falen ziet Matth. lib. iv. de Nobilit. cap. xi. en t. v. Anal. p. 6jo. & Buchel. En ora de Utrechtenaars tot vrienden te maken, hadde Hertog Aelbrecht in het vorige jaar toegezegt te voldoen de fchade, die zy door zyn uytleggeren in den oorlog van Ooftvrieslant hadden geleden, volgens dezen brief, die ik hier te liever plaats geve,om dat tot noch toe die nergens gedrukt gevonden hebbe. ,, Aelbrecht bi Goeds ghenaden Palensgrave op ten Ryn &c. doen cont allen ,, luden, want ons der ftat Rade ende vriende van Utrecht langhe tyt vervolcht hebben van fcade, die zi ende hoer ,, medeborghere gheleden hebben van onze wtliggheren en. ,, de onderzaten in onzen oerloghe van Oeftvrieslant, fo ,, zyn wi mit hemluden daer of overdraghen» ghelikerwys ,, wi ende zi des ghebleven waren aen onzen ghetruwen den Heer van Montfoerde, den Prooft van Berghen in Hene- gouwen, ende haren Johan van Ryneffe vati Rynoaiven , die hoer zegghen daer of ghezegt hebben , in alre ma- ,, nyeren , als hier na ghefcreven ftaer. Dat is te weten , eerft, dat wi der ftat van Utrecht wtreyken ende betalen ,, zullen zeftien hondert Hollantfche feilden , daer zy horen ,, borgheren voerfcreven mede vernueghen ende voldoen ,, zullen van alle fcade ende toezegghen , dat zi op ons , on- ,, zen landen ende luden te zeggen moghen hebben, rueren- de van den fcade voerfcreve. Welc ghelt wi der ftat voer- ghenoemt bewyft hebben op te boeren ende te ontfaen van den renten, die zi ont jaerlix fculdich zyn vsnhoren tollenrecht. Welke renten zi aen hem houden zeilen voer ,, die fommc ghelt» voerghenoemt, vaa zinte fans daghe te |
|
||
|
|
||||
|
|
|||||||
|
|
I402. JAARBOEKEN. 13
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
dat die heerlicheyt van den lande van Haghen-
fteyn , de nu ter tyd de Heer van Arkel bezit, ende die heerlichede van den lande van Hae- ftrecht, hoghe ende leghe, den Gheftichte mit rechte toebehoort, zo weszi daer of houden, dat zullen wi ende onfe nacomelinghenhemrufteli- ken laten houden ende gebruken, behoudeliken den Biflcop ende den Gheftichte van Utrecht voerfeyt hoers ftrooms, of fi dat gehout nyet en deden, ende behoudeliken onfer liever ghezel- linnen, ende onzer gheminder zufter vrouwen Margrieten van Cleve hore lyïFtochten an den lande van Haeftrecht voerghenoemt, alzo langhe alze zi leeft. Ende ooc zullen wi ende onze na- comelinghen die heerlicheden van den zelven landen behouden totter tyd toe, dat dat voerfcre- |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
,, middezomer naeftcomende vier jaer lang, ende daer me-
de voldoen horen borgheren, alfe voerfcreven i», behou- deliken , dat zi binnen den vier jaren voerfcreven varen ,, zullen op hoer oude tollenreeht, na inhout zulker brie- ,, ve , als zi van ons daer of hebben, ende dat zi ons ten. den den vier jaren voerghenoemt, ende onzen nacome- ,, linghen, die voerfcreve renten jaerlix weder wtreyken ,, ende betalen zullen in alre manieren, als zi on* die fcul- ,, dich zyn te betalen } alle ding zonder arch ende lift. In ,, oerconde dezen brieve bezeghelt mit onzen zeghelle hier ,, aen ghehanghen. Ende om de meerre zekerhede wille ,, hebben wi ghebeden onzen lieven zoen Heren Willamvan ,, Beyeren , Grave van Oeftervant , dat hi deze voerfcreve 5, overdracht ende vorwaerde mit ons wil bezeghellen. Ende wi Willam van Beyeren , bi der ghenaden Goeds j, Grave van Oeftervant , want wi deze voerlcreve over- dracht ende vorwaerde vafte ende gheftade houden wil- len, als voerfcreven is, zo hebben wi om ons liefs hee- ,, ren ende vaders wille voerfcreve dezen brief mit hem bc- zeghelt mit onzen Zeghelle hier aen ghehanghen. Ghe- ,, gheven in den Hage op ten elften dach in Ódobri in 't v jaer ons Heren duzent vier hondert ende een. |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
||||||
|
|
14 ÜfRECHTSCHÊ 1400.
ve ghehoutghedaan zal wezen; maar mitterfte-
de ende flote tot Gorinchem ende lande van Ar- }> keldaer toe behorende, zullen wy altoos onfen vrien wille mede moghen doen , of wy dat be- M craftigen en de wonnen, behoudelic den Geftich- te van Utrecht hoers ftrooms , als voorfcreven. Alle deze voerfz. punten ende vorwaerden ghelo* ven wi voer ons, ende voer onzen nacomelinghen der ftat voerfeyt , vafte ende geftade te houden, |
|
||||
|
|
gheenre wys. In orconde dezen brieve beze-
ghelt mit onzen zeghelen hier aen ghehanghen.
Ghegheven in den Hage op finte Johans avont
te middezomer, in't jaer ons Heren duzentvier
hondert ende twee.
En heeft ter dier tyd Hertog Aelbert , als ook
zyn zoon Willem , om d'LJtrechtenaars tot dezen oorlog aan te zetten , verfcheide voorrechten aan haar vergunt , ten bewyze , dat hy deze hulpe nodig hadde , en dat haar byftant groot gewigt aan da zaak konde geven.
Tot voorbeelt hier van kan verftrekken deze
brief van het Tolrecht en andere voordeelen : Aelbrecht by Goeds ghenaden Palensgrave op ten Ryn , Hertoghe in Beyeren , Grave van Henegouwen , van Hollant, van Zelant, en- de Heer van Vrieslant, maken cont ende ken- lic allen luden , dat wi om zonderlinge gunde, liefte ende vrientfcap , die wi ende onze ouders gehat hebben , ende wi noch hebben , totter Stat van Utrecht , ende horen borgheren , en- de om zonderlinghe trüwen dienft , die zi ons doen zullen in onzen oerloghe tArkel,fooheb- ben wi mit goeden voerfien ende wel beraden , ende bi wille, confente ende ghoetdonken ons
3, liefs
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||||||||
|
|
MOS. JAARBOEKEN. 15
liefs zoens Willams van Beyeren, Grave van
Oeftervant, ende anders onzer Rade, ghe- gheven ende gheven mit dezen tieghenwoerdi- ghen brieve , voer ons ende voer onzen naco melingen , tot ewighen daghen durende, der ftat van Utrecht, ende al horen borgheren, dat weerlike perfone zyn , alzulke gracie, pre- vilegien ende vriheden, als hier na befcreven ftaen, over al in den onzen , te water ende te lande. In den eerften , dat de borghers van |
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
51
|
|
Utrecht voerfcreveti varen ende keren zullen
|
|
||||||
|
|
||||||||||
|
|
op hoer oude tollen: dat is te verftaen, dat zi
gheven zullen van eiken hoet terwen, rogghe, ofte witter erwaten , twalef penninghe Hol- lants: van eiken hoet gherften, of grawererwa- ,, ten achte penninghe Hollants : van een hoet haver vier penninghe Hollants: van een roe- de wyns , twe corte vaten voer een roe- de , zeventien penninghe Engels , ende van elke roede een half take wyns, ofzespennin- ghe Hollans voer die half take wyns. Ende dat ghelt of Wyn te nemen zei Itaen aen onzen tolnaer , ende daer toe van elker roede derde- half penninghe Hollants. Item van een fcepe voer zyn roeder tolle achte penninghe Hollants. Item van een pac pelterien zeven fcillinghe zes penninghe Hollants. Item van een fcaerlaken zeftien penninghe Hollants. Item van enen dub- belden gheverwerden laken achte penninghe Hollants. Item van een ftrypten of blauwen laken vier penninghe Hollants. Item van enen witten laken, ofte ghifel faye twe penninghe Hollants. Item van eenre mahave merferien, twe huven, twe paer hantfcoen, twe fcillinghe Hollants, zulx payments, als wi ghemeenlic van onzen tollen
ne-
|
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
||||
|
|
16 UTRECHTSCHE 1402.
nemen. Ende van anders allen goeden , dat
zi voeren , zullen zi gheven den honderden marke voer die eerfte tolle, daer zi voer co- men , ende daer zelmen hem gheven den tol- naer teyken, ende daer mede zullen zi die vaert mit dien goede vry varen voer anders die ander tollen , die in onzen landen ghelégen zyn. Voert zulc zegghen alze voertyts op ter Ho- gherwoerte bi Utrecht ghezeyt wart, ende nu in der zoene vanGhildenborch(i)verclaert wart, roerende van den dienft , die ons de Stat van Utrecht doen zoude, of vier hondert oude fcil- de sjaers daer voer te gheven van dien dienft, ende van dien vier hondert oude feilden sjaers voerfcreven, zo fcelden wi der Stat van Utrecht, ende horen borgheren voerfcreven claerliken qwyt tot ewighen daghen, voer ons ende voer onze nacomelingen. Voert zo en zalmen die borghers van Utrecht hoer lyf noch hoer goet nyet bezetten , becommeren noch beclaghen tufTchen Noede ende Bodegraven , ende alzo voert daren binnen ommegaende in den onzen; ten waer dat enich van hem ons broekich wor- de , dat kenlic waer , dat mochten wi houden ende rechten aen den ghenen,die ons broekich worde , ende nyet aen zinen goede, noch an nyemants goede anders. Ende waert dat enich van onzen onderzaten binnen den merck voer- fcreve tUtrecht ten recht bezet worde, daer zullen zi tot zulken recht of ftaen als anders die ghene , die in den gheftichte van Utrecht ghe- zeten zyn , alzo alst van outs gheweeft heeft. Mede zo en zelmen der borgher erve van
Utrecht
(i) Ziet Matth. de Jure Glad. p, 134. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
i4oa. JAARBOEKEN. 17
,, Utrecht in onzen landen van ghenen oncoft
fcatten, ofte ghek of nemen tot enighen rey- fen , ofte onrade , tot gheenre tyt; ten waer dat wi een ghemene fcattinghe deden over al in onzen landen , ofte van banwerc , zo zoudt ghelden, ghelyc andere lande. Ende des ghe- lyc zo zalmen onzer onderzate lant in den Ghe- ftichte van Utrecht weder doen. Voert alzulc ,, zegghen als Hertoghe Edewaert van Ghelre voertyts ghezeyt heeft tufichen ons aen die ene zide , ende den Gheftichte ende der Stat van Utrecht aen die ander zide, dat zegghen (i) zal
claer-
(i) Dit is voorgevallen in't jaar 1371. wanneer de Biflchop
n de Stadt Utrecht de uytfpraak over hare gefchillen met Her- tog Aelbrecbt en de Graafllykheid van Hollandt heeft gela- ten aan Hertog Edtruiaert van Gbelre. Welke brief, dewyl myns wetens noch niet gedrukt is,als meded'uitfpraak, waar van een gedeelte by Matth. de Jure Glad. cap. xvu. p. 187. te vinden is, van dezen inhout zyn: ,, Wy Borghermey- ,, fters, Scepene, ende ghemene Raet der Stat van Utrecht, maken cont allen luden, dat wi alle ghefceel , ghebreke ,, ende twye, die cvi tot dezer tyt hebben, ende bi fcrifte ,, overghegheven hebben op ten Hertoghe Aelbrecbt va» ,. Seyeren , ende ter Greeflicheyt van Hollant,of fi op ons, ,, ghebleven fyn alinghe ende al, aen enen hoghen edelen mo- ,, ghenden heer den Hertoghe Édwaert Hertoghe van Ghel- re ende Grave van Zutpheen, ende verbyndenonsdaertee ,, mit dezen brieve te houden, ende te voldoen, te nemen j, ende te gheven , ende daer mede ons ghenoeghen te laten , zo wat te rechte of te. minne zegghen, ordineren ,, of fceyden zei tulTchen ons , ha woerde ende antwoerdei die tuflchen ons zyn, of hebben gheweeft, na den cede- ,, len ende antwoerde, die onze Raat malcanderen overghe- ,, gheven hebben , behouden ons ende onzer Stat alle ons rechts ende vriheden. In orconde des briefs bezeghelt ,, mit onzer Stat Zeghel. Ghegheven in 't jaer ons heren duzent dre hondert een ende tzeventich, op ten achticn- ,, den dach in der maent van Meye.
B Kt
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
i8 U T R E C H T S C II E 1402,
claerliken qwyt ende doet wefen. Ende daer
of hebben wi der Stat voerfcreve dien brief, die wi daer of hadden , overghegheven ende qwyt ghefcouden tot behoef des Geftichts ende der
Stat
Dit is die zoene, die de Hertoge van Gbelre ghez.eyt heeft
tujjlben tier Greeflicheyt van Hollant ende ons.
,, Wi "Edwaert, bi der ghenaden Goeds Hertoghe van
,, Ghelre, ende Grave van Zutpheen, doen cont ende ken- ,, lic allen luden, die dezen brief zeilen zien ende horen le- ,, zen , dat wat twifte ende ftoet op ghelopen waren tuf- fchen die hoehegeboren , zeer machtighe heren , onzen 3, lieven neve , den eerweerdighen in Gode Vader ende hè» re, haren '-fobanne van Virnenborcb, van der zelverghe- naden Biffcop t'Utrecht, op die een fide , Hertoghe /iel- ,, breekt van Beyeren , Ruwaert van Henegouwen, van Hol- ,, lant , van Zelant, ende van Vrieslant , ende f'alensgravc op ten Ryn, ende den zelven Hertoghe Aelbrecbt, onzen lieven heer ende neve, ende der goeder Stat van Utrecht, ,, op die ander fide, des zi aen ons rechts ende minne,om ,, dien ftoet ende twift te fceyden bleven zyn. Ende want j, wi oec node enighen twift, oerloghe , of ftoet tuflchen hem zaghen, zo hebben wi eens zegghens aen ons gheno- men tuffchen hem , om die ftoet ende oplope neder te s» 'egg°en : ende om oec dat zi hoer lande, lude ende fte- den voertaen in meerre gunden ende vriendelichederi Ic- ,, ven. In den eerden zo croende onze lieve heer ende ne- ,, ve Hertoghe Aelbrecht voerfcreve , dat hi in ghebreke ,, waer an den Biffcop van Utrecht van zeven en dertich hon- dert ponden zwarter tornoyfe , enen ouden coninx tor- noyfen voer zeftien penninghe gherekent, die deGreeflic. heyt van Hollant leende-op 't huys ende ambochte teVrt- ,, delant. Voert croent hi, dat hem die Stat van Utrecht, dat huys voerfcreven mit finen toebehoren uter hant ghc. ,, dedingt heeft bi haren Floraans van der Soecborft , die 5, hem dat huys overleverde , buten bevelen Hertoghe Wil- ,, lams , dien hi dier op ghefet hadde. Daer op na claghe }J ende antworde der partyen voerfcreven , zeggen wi onfe goetduncken ende vercïaernifle voer een minne. Want 3, dat voerfcreve ghelt nyet betaelt en is der Greeflicheit van Hollant, te weten die voerfcreve zeven en dertich j, hondert pont tornoyfe , eenen ouden grote voer zeftien
,, pen-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
Hoi. J A A R B O E K E N. rp
Stat voerfcreve. Alle deze voerfcreve punten
en de voerwaerden , ende elc punt bizonder , ,, hebben vvi gheloeft, ende gheloven voer ons ende voer onze nacomelinghen der Stat van Utrecht,
,, ende
?, penninahe gherekent , welc ghelt dat die voerfcre.
3j ve Biffcop van Utrecht der Greeflicheyt van Hollant be- s, talen zal , of payment , dat daer voer ghelyc goet is in a, der tyt der betalinge, half tot finte Martyns miffe in den j, winter nu naeft comende, ende die ander helfte tot finte Peters mifle ad cathedram daer naeft comende. Ende ,, waer dat zake , dat dat voerfcreve ghelt der Greeflicheyt van Hollant nyet betaelt en worde tot eiken terminevoer- ,, fcreve, zo zal voer ene pene onze neef van Hollant voer- ,, fcreven vervallen wezen tot eiken termine vyf duzent ,, mottoene , dertien placken voer den mottoen gherekent, ,, die hi uten Stichte van Utrecht panden mach mitten hoeft- 3, ghelde voerfcreve , zonder belette ende onderwynde de* ,, Biffcops ende der Stat van Utrecht. Ende alze dat voerfz, ,1 ghelt betaelt is , zo zal die Greeflicheyt van Hollant den j, Biffcop van Utrecht die brieve weder gheven> daerindat ,, huys f e Vredelant mit finen toebehoren , dat der Greeflic- heyr verzet ende verpant was. Ende daer mede zegghen ,, wi die partyen voerfcreven daer ofghezoentendeghezaer. ., Voert van dien ftote ende ghebreke, die ghevallen is tuf* ,, fchen dien van Amftelredamme ende den Biffcop van j. Utrecht, ende Herman "jan Kuynre, dat onze lieve heer j, ende neve van Hollant hem becroent heeft, om dat hem hoer goet ghenomen was, des der Stat van Utrecht ghe- ,, loeft was, ende die hoer zegghen daer of ghezeghet heeft, alfe dat die Biffcop van Utrecht dien van Aemfterdamme j) hoer ghelt verborghen zoude van den vorghenoemde goe- de in brieven, alze wi verftaen dat hi ghedaen heeft , zo zegghenwi.dat die van Aemfterdamme hoer brieve nemen ,, zullen van der Stat van Utrecht, daer die brieve bi leg. ,> ghen,ende manen mit dien brieven hoer borghen om dat ,, ghelt, of (l willen. Voert op dat croncn dat desBiffcop* Maerfcalc van Utrecht gecomen is in 't lant van Yzelftey. ne binnen ons heren Heerlicheyt van Hollant, ende veng j, daer enen man, zegghen wi, dat die Biffcop ende die Stat ,, van Utrecht dat alzo verwaren zeilen, dat des nyet meer ghefrien en zei, ende die brueken , die daer aen misdaen j? moghen wefen j zei onze lieve Heer van Hollant te defet
Ba » tyt
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
ao UT RECHTSCHE 1402.
ende horen borgheren vafte ende ftide te hou-
den tot ewighen daghen , ende nyet te verbre- ken in gheenre wys. ende hebben des onzen zeghel aen dezen brief doen hanghen, tot een-
re
,, tyt goet laten wezen. Voert van haren Henric <o«n Loen-
rejlote zegghen wi , dat hi zynre oervede te richts zal ,, qwyt ghefcouden warden, ende men zal hem finen oerve. ,, de brief weder gheven Voert van der jurisdidtien zeg- ,, ghen wi, dat die Biffcop ende zine Prelaten hoers ghee- ,, fteliken rechts ghebruken zullen , ghelyc dat R van outs ghedaen hebben , ende die zoene brieve inhouden, die zi daer op hebben. Voert van Ghifebreeht Gun ter, den ,, onze neve ende heer van Hollant voer finen m.inne verant- ,, woorden wil , die uter Stat van Utrecht ghewyft is, om ,, broke wille, die hi ghedaen zoude hebben , zegghen wi na crone ende na antworden , die wi daer op ghehoert hebben , dat , want Ghifebreebt , alfe wi vernomen heb- ,, ben, tot dier tyt man ende vrient »v£t en was ons liefs ,, heren van Hollant, alzo dat hi en yet verantworden mach van dier zaken, daer hi om uter Stat van Utrecht ghewyft j, is , na inhout der brieve , die onze lieve heer van Hol' ,, lant, die Biflcop ende Stat van Utrecht onder een gheghe- ven hebben. Voert zegghen wi , dat die Biffcop ende Stat van Utrecht recht ende vonnifle voert an doen zul- ,, len ons liefs heren van Hollant mannen ende vrienden bin- ,, nen dat gheftichte van Utrecht ghezeten , na inhout der ,, brieve, die onze voerfcreve heer van Hollant daer of heeft. Voert op dat cronen, dat onze lieve neve die Biffcop van Utrecht croent , dat Willam van Naeldwyc zyn renten ende dier Ecclefien in der ruwer weyde ende op ten lan- ,j gher weyde , aentaft ende neemt , zegghen wi, dat die Biffcop van Utrecht ende zine Ecclefie, onbelet van on- ,, zen heer van Hollant, ghebruken zullen hoer renten ende ,, heerlichede op des Biffcops weyde, ende zei hem laten boeren alfulke afterftallighe renten , alze hem op ter zel- ver weyde verfchenen zyn. Voert van den goede, dat tot ,, tolloyzen bi Dordrecht ghenomen wart, ende ghevuert onder heren Aernt van der Duffen, zegghen wi, dat onze ,, heer van Hollant haren Aemde alfo goet hebben zei, dat hi dat goet dien van Utrecht zei doen weder gheven, en- }) de wes daer of ontwant of verloren waer , dat zelmetj ghelden ende verrichten bi vier goeder lude zegghen , |
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
i4o». JAARBOEKEN. ai
re oerconde der waerheyt. Ende want wi
IVtllam van Beyeren, Grave van Oeltervanc voerfz. lien ende kennen, dat onfe lieve heer ende vader voerghenoemt, dit bi onfen rade ,
wil-
twe ran ons heren weghen, van Hollant, ende twe van
der Stat weghen van Utrecht, ende dat zelgefchien,ghe- ,, lyc voerfcreven ftaet , tufl'chen hier ende onzer vrouwen 3, mifle nativitas naeft comende , behoudelic haren Aemds ,, redeliken ende befceydetiken coft , die hi om des goets ,, wille ghedaen mach hebben dat goet te waren. Voert van Ghtfetrecht Gunter zegghen wi, dat onze heer van Hol- 3} laiit nyet gehenghen en zei, dat Ghifebrecht of fyn hul- j, pere van den daghe voert enighen fcade uten Greefliche- ,, den van Henegouwen, van Hollant, vanZrelant, of van 3, Vrieslant , doen die van Utrecht. of daer weder inne. 3i Voert van der Stat van Woerden zegghen wi, dat dieBif- fcop van Utrecht binnen ende buten dier Stat zyn recht ,, behouden zei in alle dier voeghe , alze die Biflcop van 3, Utrecht, ende zine voervaderen van outs ghehadt hebben. ,, Voert zegghen wi van allen zaken ende punten, daer wi 3, ons zegghen nyet of gheclaert of ghezeghet en hebben , ,, die gaende fyn tufl'chen onzen lieven neven den Biflcop van ), Utrecht ende den Hertoghe van Hollant, die fi ons aen 3, beyden fiden in fcrifte overghegheven hebben, dat male j, van hem twe goede mannen daer bi fcicken zullen, diefe fceyden ende verliken zullen bi horen eden ende vyf zin- nen , tufl'chen hier ende SinteMartynsmiflenaeftcomende. ,, Ende waer dat fake, dat fi nyet en overdroeghenhieren bin. nen, zo zouden wi twe van onzen vrienden daer na binnen ,, viertien nachten daer by fcicken , alfo verre alft aen ons ,3 verfocht worde , bi welke tween van den vieren onfe 33 vrienden bliven , daer mede zullen z\ der zaken ghefcey- 3, den wefen. Ende des ghelyx zegghen wi tuflchen onzen j, lieven neve van Hollant ende der Stat van Utrecht. Voert ,, zegghen wi alle zoene , verbondenifle ende brievc, die 3, deze voerfcreve partyen, alze die Hertoghe van Hollant, ,3 ende die Biiïcop ende die Stat van Utrecht, onder een i, male den anderen ghegheven heeft , ende ghemaect voer ,3 datum des frgghens,dat fi die voert meer een den anderen ,, houden ende voldoen zullen, ghelike die brieve inhouden. Voert zegghen wi, dat die Stat vin Utrecht eqen gunftc- 3> liken dienft onzen neve van Hollant doen zei mit hondert
B 3 " m*n"
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
|
|
|||
|
|
||||
|
|
3* UTRECHTSCHE 1402.
wille ende confente ghedaen heeft, ghelyc voer-
fcreven ftaet ; zo gheloven wi mede voer ons ende voer ons nacomelinghen der Stat van Utrecht voerghenoemt, dit vafte ende ftade te
hou-
,1 mannen ghewapent, ende vyftich fcutte op horen cofte
,, zes weken lang, welker tyt hi des begheert, op die Vre- zen , ende hi mit fyns zelfs live mede vaert, omme die meerre gunfte ende vrientfcap wille te behouden. Voert »» zegghen wi alfe van den ghelde, dat men voer Vredelant gheven zal der Greeflicheyt van Hollant , ende men in ,, den Stichte zetten zal ende fcatten dier lude, zi zyn man- ,, ne of vriende ons neven van Hollant, ende zal zich om die te verantwoorden^ onfe lieve neve van Hollant nyet onderwynden wes ghelts die Biffcop ende die Stat van ,, Utrecht op hem zetten tot dezer tyt, noch hinder daer aen doen. Voert fo hebben wi aen ons behouden , in de- ,, fen voerfcreven punten ende gheloeften, of enichftoetof ,, verdaerniflfe in enighen punten zonderlmghe , of in al- ,, len punten gheviele , ofs noet gheboerde te doen, dat ,, wi die verclaren moghen ende zetten tot alre tyd, als zi ,, des noets gheboerde. Ende hier mede zeggheti wi defe voerfcreve heren ende die Stat van Utrecht alincliken en- de ganfe van den voerfeyde punten ende ftote ghezoent. In orconde des > ende tot onzer ganfe ftadicheyt, hebben wi onfen zeghele aen defen brief doen hanghen. Gheghe- ven tot Nymaghen in 't jaer ons heren duzent drie hon- dert een ende tzeventich op fint Vycs dach.
Veel zoude ik op dezen brief konnen aanmerken,doch om
alle langheid te vermyden , en dewyl dit hoort tot de ge- fchiedenifle van de vorige eeuw, zal ik alleen maar kortelyk aanteikenen 't geen tot verftam van dezelve enigzins dienen kan. Wat aangaat 't kafteel Vreelant, 't zelve was door Bif- fchop Hendrik omtrent 't jaer 125-9. gebouwt , tegen den Heer van Amftel, doch door de kwade beheeringe van Bif- fchop Jan van Naffau, onder de macht van den Heer van Amftel gekomen; door wien een tol op de vaart van de Vecht geftelt zynde , waar door de Utrechtenaars zeer benadeelt wierden, heeft Biffchop Jan van Zyrick met macht van wa- penen 't zelve wederom in bezit gekregen, doch door Bi£ fchop Jan van Dieft 't zelve aan den Grave van Holland ver- pandt zynde , heeft Jan van Arkel het geloft van Vrouw ';/ Gravipne van Hollandt. ziet Match, de Jure Glad. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN. 03
houden tot ewighen daghen, ende tlyet te ver-
breken in gheenre wys. Ende hebben des on- ze zeghel mede aen dezen brief doen hanghen. ende om de meerre zekerhede ende. veltenifle
Wil-
cap xvii. pag. z86. die 'er by voegt, dat Jan van Arkel de
afloffinge voor zes duizent pont penningen payements, dat t'Utrecht gangbaar is, wel belooft, maar niet ten volle be- taalt hadde;doch Buchel in zyneaanteikeningenop Hedapag. ïfy. en 257. toont, dat Jan van Arkel aan F/orens van den Soekhorji voor vrouw Margriet hadde betaalt, doch dat de brief, die noch gaaf was, en Waar onder van de afloffinge niet gewaagt was , door toedoen van den balling Gysiert Gun* ter was gekomen in handen van Hertog Aelbrecht , die op nieuws den Biflchop daar voor aanfprak , walk gefchil over- gelaten is aan de uiffpr^ak van Eduwart Hertog van Gelre, die Catbarina de dochter van Hertog Aelbrecbt ondertrouwt hadde. Ziet ook Pontan. lib. vu. Hift. Gelr. p. 284, Wat vorders aangaat , dat de Stad Utrecht zorge dragen zoude , dat de Biflchop in 't landt van Yflelfteyn in het toekomende niemant vangen zoude , heeft de Stad dit ftuk tegepgefpro- ken, verklarende noyt toegedaan te hebben , dit over te la- ten aan de uitfpraak van Hertog Eduwaart. Ziet Matth. de J ure Glad. xx v. pag. 4^. en 4.36. die de brieven van tegenfpraak daar opgeeft; doch dewyl ik noch een brief daar van, door Mattheus niet te voorfchyn gebracht, gevonden hebbe, zal ik dezelve , zo als ik het affchrift daar van op ons Stadhuis gevonden hebbe, hier plaatzen.
Wi Zweder van Abcoude heef van Gaesbeec, van Putten,
,, ende van Strienen, Gberyt van den Vene Proeft tot Aern- ,, hem , ende Gofen van Vauderic, knape, maken cont al- ,, len luden, dat ons kenlic is, ende wi daer mede over «1« ,, de ane waren , daer die Raed van Hollant, alfehaer yfrrwd ,, heer van Egmonde , haer Gbifebrecht heer van Vyanert , ,, haer Daniel van der Mtrweydt Ridder , haer Coenraet j, Proeft van finte Marien in den Haghe, haer Dirc Voppen ,, zoen Preefter, ende Willam van Naeldtvyk knape, op die ene fide : ende die Raet van Utrecht, alfe Joban van Ctarenborcb , Willam van Angeren , Wernaer Bertoudi ,, z.oen , Joban Hombout, Melys Aernts fone, Dirc van der Steghe i Joban Meye y Peter Santeroe ^ Gberyt de Milde j ende "Thomaes Hont, op te ander fide, enen dach weder ,, malcanderen hielden tot Oudewater in fints Katrinen Ca-
B 4 pel-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
24 UTRECHTSCHE 140».
wille, zo hebben wi Hertoghe Aelbrecht voer-
ghenoemt bevolen ende ghebeden onzen lieven ende ghetruwe Steden, alfe Dordrecht, Haer- lem , Delf, Leyden, Middelborch ende Ze.- rixce , defen brief mit ons mede te bezeghel- len mit horen zeghellen. Ende wi Borgher- meyfters, Scepenen ende Rade der Steden van Dordrecht, van Haerlem, van Delf, van Ley- den, van Middelborch, ende Zerixce voerfcre- ven, hebben bi bevelinghe ende om bede wille ons liefs ghenadichs heren van Hollant voer- fcreve, elc onzer Stede zeghel mede aen dezen ,, brief ghedaen. Ghegheven in den Haghe op ten drie en twintichften dach in Junio, int jaer
ons
,, pelle i op ter dach des daten des bricfs, op zulc ghebrec
i, ende fcade , alfe der Stat ende den borgheren van Utrecht wt, ende in der Greeflicheyt van Hollant ende van Mant ,> ghefciet was. van welken ghebreke yoerfcreven «i een« worden ende accordeerden op bideo ziden. Macr van den j, punten van Yz,elfieyne, dat die Stat verhqeden zoude, dat ,, des BiiTcops Maerfcalk van Utrecht nyemant vanghen en zoude in den lande van Yzelfteyne, verantwerdedieRaet van Utrecht voerfcreve , alfe dat die Raet van der Stat voerfcreve, die op te daghe in Hollant, ende tot Nyma- ghen ghereyft waren , des felven punts nye in belofte en », Quamen , ende zyt alto wtghezet ende ghezondert had» 3, aen, ende wederzeydent daer , ende meenden t altoes te vefantworden , zo wanneer der Stat voerfcreve enige a, aenfprake daer af moete- Voert van den dienft , die de Stat voerrcreve doen zoude Hertoghe Aelbrecht, alfe mit hondert manneghewapent,endemitvyftichfcutte,zowanT ,, neer die Hertoghe voerfcreve mit zyns felfe live op die Vrezen varen woude, verantworde dip Raet van Utrecht voer oni ter zelver tyt, dat die Stat ende die Raet van ,i Utrecht voerfcreve van dien dienft altoes tot horen ver. 9, antworden flaen wouden , zo wanneer zys aen ghefproken ,, worden. In orconde des briefs bezeghelt mit onfen ze- ghellen. Ghegheven in 't jaer ons heren duzent dre IIOB- dett endp tfeventich op finte Pancraes dach. |
|
||
|
|
||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
1402. JAARBOEKEN. 35
ons heren duzent vier hondert ende twe. (O
En heeft Hertog Aelbert ten zelven dage noch
dezen brief aan de Utrechtenaars gegeven, van hare borgers die vredeloos geleyt waren 's lands van Hollant. Welke, myns wetens, noch niet gedrukt is. Aelbrecbt bi Goeds ghenaden &c. doen cont allen luden, dat wi om bede wille der Stat van Utrecht, ende om liefde ende gunden wille, die wi tot hoer draghen , verdraghen ende qwyt ghefcouden hebben den goeden luden wt den ,, Gheftichte ende der Stat van Utrecht, die bal-r linghe onzer lande gheleit zyn om des water- gancs wille in den lande van Woerden, alle al- zulke broeken, als zi daer aen jegens ons ende onzer heerlicheyde ghebrqecthebben. Ende ghe- ven hem weder al onze landen doer veylich in te wezen, te varen, te merren ende te keren, ,, ende hoer goede te ghebruken in alre manie- ren, als zy plaghen te doen, eer zi balling bn- zer lande, als voerfcreven is, gheleyt worden. Ende ontbieden ende bevelen allen onzen Bal- iuwen, Scouten ende rechteren overal in onzen landen, dat zi die voerzeyde goede lude vey- ,, lich in onzen landen laten varen, merren ende keren , ende hoer goet vrilic ghebruken , als voerfcreven is , zonder hem enighen hinder, ofte moyenifle te doen, ofte laten ghefchien in enigherwys, om der zaken willen voerfcreve. In oerconde dezen brieve bezeghelt mit onzen zeghele. Ghegheven in denHage op zintejans avont te middezomer int jaer ons heren duzent vier hondert ende twe.
De
{O Ziet Matth. t. ix. Anal. p. 472. die den datum f»n
dezen brief ftelt den 14. Junii.
BS
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
s6 UTRECHTSCHE 1402.
De Utrechtenaars,ter nakomingevan het verbont
met Hertog Aelbert aangegaan, maakten zig ten eerften klaar tot den optocht, en de Raat tot Hooft- mannen aangeftelt hebbende Beernt Proeys den Schout, en Wouter Grawert,lieten desSaterdags na S.Margrieten dag by klokluidinge,allen ,diege- fchikt waren om te velde te trekken, waerfchou- wen zich ten eerften gereet te maken, om noch dien zelven dag fmiddags na den eeten , als de klok flaan zoude, voor het Raadhuys te komen, en d'Overften en Homans, daar zy voortrokken, te volgen, met verbot, van enig gefchil ofoneenig- heid onder den anderen in 't veldt te maken, op fware ftraffe. En, vermits ik in des Raats beflui- ten gewag gemaakt vinde van vier reyfen, die in dat jaar naar Gornichem gedaan zyn,zoftellevaft, dat in 't vervolg telkens meerder en vars volk naer 't leger gezonden zy. Xkhans veertien dagen daar na , vrydags na S. Peters dag ad-vincula, wiertby klokluidinge weder afgekondigt: De Raet gbebiet enen ygeliken, die gbeordineert is vat te rey- fen , dat bi bem daer toe "ziet, dat bl rede zi mor- ghen ter negender uren, ghewapentte komen op ter plaetzen, als men de kloek flaet: dat is te -weten die Jlaet blden Kade , ende e/c bi zine Oudermans in zyn gbilde, ende die. Scutte ei boren booftmans, en- de al]e men die kloeke anderiuerve jlaet, dat fel'we- fen ter tiendcr uren, ende dan jelmen rechtvaart tx,t- trecken. Ende op dat deze tocht met ordre zou- de gefchieden, wort er by gevoegt: Voert "zo en zei nyem&nt trecken, nocbte varen voer der Stat wimpel, nochte nyemant en zei bliven affer der fcutter wimpel. Waar uit blykt, dat Stads wim- pel de voorhoede, en der Schutters wimpel d'ach- terhoede hadde.
En
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
i4oa. JAARBOEKEN. 27
En heeft vervolgens de Raat, anderen , die ha-
re borgers of ingezetenen niet waren , zo zy vyan- den van den Heer van Arkel, en zyn helper, te weten, den Hertog van Gelderlandt, waren, tocge- ftaan in en uy t hunne Stadt te ryden, en daar hunnen behaalde buit te bergen, onder voorwaarde ver- vat by hun Raadsbefluit van fondags na onfer Vrou- wen dag aflumptio: IVaer yemant die vyant ivaer of worde des Heren van Arkel ende zytire bulper, on/e vyanden, dien wouden wi lenen onze flat In ende wt te rlden, ende zyn ghewin daer te bergben. Voert ivaer yemant, die enïghen man venghe van onzer flat vyanden, die zeilen ze behouden , ende zelve fcatten, ende de ftat zei hem hoer /lofe daer toe doen; maer waert dat yemant ghevangben wor- de van onzen vyanden voor/k, ende den ftat hebben wonde, daer voer zei de ftat gbeven vyf honden gul- den den ghenen, die dien man ghevangben badde, votgenomen daar der ftat banier ofte wimpel, of 'der fcutten wimpel in den velde waer* beboudeliken der ftat boer oervede van al den gbevangben de zi der ftat doen zeilen.
En vermits er noch meer volkwiertvereifcht,zo
js een nader gebod tot uittrekkinge gekomen, en fchynen alleen maar die vry geweeft te zyn, die de ftadt geit tot de onkoften in dezen oorlog te ma- ken leenden. Immers op fint Lamberts dag, en op onzer Vrouwen dag conceptio, heeft de Raat dit volgende ter klokken laten alkondigen : De Raet van der ftat ghebiet al den ghenen, oic in wat ghilden dat fi zyn, die nyet gbelegen en hebben voor ^Gorincbem in elker leger, ende die der ftat gbeen ghelt gbeleent en hebben , dat fi nu ter eer ft en reyzen mede wttrecken gbewapent, alze de ftat wttrect, tn4e yemant die dit verbrake, die zei drejaer lang
uter
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
*8 UTRECHTSCHE
ut er flat wefen, ende ene mile van der flat, ende
zynre borgerfcbap recbtevoort qivyt. ende alwaert dat hem die Oudermans van zinen gbilde oerlof ghe~ gheven hadden, dat en zei hem nyet baten. Ende desghelyx zelt wezen van al den ghenen, die binnen der flat vryheden woenafticb zyn. Voert ghebiet de Raet van der flat alle man f er jonen, die twinticb jaer out zyn, of dar en boven, die gbeen gbilde en hebben ofte die aenworpen zynt ende die beflorven zyn, ende die voer Gornichem nyet ghelegben en hebben , dat (ï nu ter eer fier reyzen mede -vottrec- ken ghewapent, alje de flat -wttrect. Ende yemant die dit verbrake, die zei dr e jaer uter ftat -wezen ende ene mile van der flat, ende zyn borgher feap recbtevoort qwyt. Ende die gbeen borgber en is , die zei dr e jaer lang uter flat we/en, ende ene mi- le van der flat. ende des gelyx zelt luef'en van al den ghenen, die binnen der flat vribeden woenaf- ticb zyn.
Om te voorkomen, dat de vreemden, die bui
ten de Utrechtenaars mede in 't velt waren tegen den Heer van Arkel, als mede de Utrechtenaars, behoorlyk den oorlog voerden, en geen ftrope- ryen buiten kennifle der Bevelhebberen aanregte- den: insgelyx dat zygeen goet van vrienden roof- den, heeft de Raddt opalre Goodsheyligen avont, den volke dit navolgende bekent gemaakt: De Raet van der flat beeft voer ty t s overdragen ende ter kloeke gekundicbt die twe punten bier na bef er even, en houden aldus: waer yemant die vyant -voaer ofte 'voorde des heren van Arkel &c. ( ziet fondags na onzer vrouwen dag conceptio , hier voren by- gebracht) Nu is de Raet op een nye overdragen, ende gebiet enen ygeliken, dat nyemant gbeen reyfe en make, necbte en doe, voer ofte nat ten zibigoetdunc-
ken
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN 29
kenGheryds Vrencken ons Borgermeyfters, Beernt
Proeys ende Wouter Graivaerts, ofte bl hor e ene van den /elven dr een: ende die zeilen hem gbeern ten be- ften raden ende ivizen. Ende waert dat yemant dit verbrake, dat woude de Raet van der Stat zwaer- liken aen hem rechten na boren ghoetdunken. Voort voaert dat yemant enighe ghevanghene vengbe, ofte enigbe have wonne, die gbevangbene ofte Save zou- Jen zi zonder vertoocb, ende zonder enicb argbelijt rechtevoort onver minr et in der ft at van Utrecht bren- gben, ende dat te kennen gheven Gheryd Vrencken, onfen Borgbermeyfter, Beernt Proeys ende Wouter Grawaert, ives haer dat fi verworven ofte gbe- laonnen hadden , ende dat foude dre dagbe lang ftaen binnen der Stat van Utrecht onverminret, eer menze buten ofte deylen zei, om te weten , of vriende gboet is ofte vyanden. Ende waert dat yemant dit verbrake, dat woude de Raet zwaar- liken aen hem rechten tot horen ghoetdunken , i» zulken manieren, dat die Raet van der flat hou- den 'Vuil die tive punten voerfcreven, die voertyds ter kloeken ghekundïcht zyn.
En op dat niemant die mede uit moefte trekken,
t'huis blyven zoude, en in 't leger alles in ordre zoude toegaan, heeft de Raet op S. Katarinen a- vont opentlyk afgekondigt dit navolgende : De Raet ghebiet al den ghenen , die de vierde reyze gedaen zoude hebben voor Gorincbem, ende die doe ook gbeboden waren ter kloeken wt trecken, dat zi hem daer toe zaten, dat fi after manendach naeft- comende rede zyn , dat eerfte dat men die ban- cloc flaet, vatreyfèn ende te volghen onzen Over- ften , ende onzen Overften Homans , ende wezen hem onderdanich , ende doen dat fl hem heten doen, bi zulken koer, alft voertyds ter kloeken
fftr.
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
3o UTRECHTSCHE 1402.
gbeboden is. Voert dat nyemant gheen legher en
begripe, eert die Hooft mans wizen, tuaer zi leg- gben zeilen. Voert dat nyemant zyn koor n, zyn ftroo , tiochte gbeenrebande gboet en neme , men en hebbe der lude gbemoede. Ende verbrake dat ycmant, dat tuoude de Kaet zwaarliken aen hem rechten.
En vermits het den borgeren en ingezetenen, die
methunne eigene wapenen en zonder foldye te velde trokken, niet te vergen was te graven of te delven, maar zulks in een belegeringe door anderen moeft verricht worden, die daar voor beloont wierden, heeft den Raat ten zelven dagen laten weeten. Voert fo wanneer men die bancloc jlaet, en men uittrekt als voerfcreven is, alle die ghene, die graven ende arbeyden konnen, ende mede wttrecken ende arbey- den willen, dien ivil de Raet gheven elx dagbes ze- ven wit, duerende tot s Raet s -vjederzegghen.
Eer ik het vervolg van dezen Oorlog befchryve,
moet ik meldinge maken van 't geen de Raet in dit jaar des vrydags na Sacraments dag, zo om hunne ftad te vercieren, als om, wanneer brandt mogte ontftaan, den voortgang daarvan, zoveel mogelykwas ,te beletten, befloten heeft: te weten dat zy aan allen, die hunne ftrooye daken zouden willen afbreken, tegelen zouden geven om niet, en die nieuwe huizen zouden timmeren, en die met leyen dekken wilden, geven zoude tot eiken roede drie ponden; en dat in 't vervolg, die een nieuw huis zoude willen timmeren of maken, 't zelve met tegelen of met leyen zoude dekken, (i)
Schoon verfcheydeSchryvers(a) verhaalen, dat
de
(i) Z:et Matth. Lib. IV. de Nobil. }4-
(i.) Ziet Kemps Befchr. van Gornichetn blad*. 149. en Gouthocvsn Chron. bladz. 413. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1403. JAARBOEKEN. 31
de jaren 1401.en 1402. door deOorlogvoerende par-
tyen met roven, branden en verwoeften van hec platte landt ter wederfyde zyn doorgebracht, en dat de belegeringe van Gornichem eerft voorge- vallen fy in't jaar 1403. zo komt het my echter waarfchynelyker voor uyt de vooraangehaalde Raatsbefluiten van onze ftadt, dat de optocht voor Gornichem en de belegeringe int jaar 1402. ge- fchiet zy, 't welk mede andere fchryvers (i) ge- tuigen.
Henogdelbert en zyn zoon Willem, om een einde
te maken van dezen Oorlog, befluiten met hunne bontgenoten de Stad en Kafteel Gornicbem te ver- meefteren, en belegeren dezelve van alle zyden, in welk beleg de Utrechtenaars geplaatft zyn aan de noordzyde van het flot, op een plaats geheten de Tivyfcbilt.
Gedurende dit beleg was Jonker Jan van 4rkel
Heer van Zoelen in de Herftmaandt met enig volk over de Lek getrokken, en Vreefwyk en 't Geyn ge- noegzaam verbrant hebbende, hadde hy eenen groo- ten roof over de Lek binnen Hagefteingebragt, 't welk de Biflchop Frederik van Blankenheim, die tot noch toe niets vyantlyks tegen den Heer van Arkel hadde ondernomen, zeer euvel heeft opge- vat. De Heer van Arkel zyne leenmannen opont- boden hebbende, verweerde zich met dezelve dap- per , en deede verfcheide uitvallen ten nadeele der belegeraars, en na dat dit beleg twaalf weken (2) hadde geduurt, is Jan van Beyeren, verkore Bif-
fchop
(i) Als Heda pag. ztf/.enSlichtenh. Geld. gefchicd. bladz.
iOl.
(z) Sligter.h.Geld. gefchied. bladz. 10. en de Anonymusde
vita & iebus geftis dominorum de ArkelapudMatth. t. VIII.
Anal.
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
$a ÜTRECHTSCHE 1404.
fchop van Luyk met de Ridders Arent vdn Ley-
denburcb ett Arent Hack van Outbeufden in 't lé- ger gekomen, en door haar tuflchenfpraak, de vrede tuflchen Hertog Aelbert en den Heer van Arkel gemaakt. (2)
Aanuonts na het fluiten van deze vrede, fchreef
den Heer van Arkel aan die van Utrecht, of zy mede wilden onder deze vrede begrepen zyn, en zo niet , dat hy hun dan voor vyanden zoude houden. Doch d'Utrechtenaars te zeer verbittert, hier niet op, naar den zin van den Heer van Arkel, antwoordende, wierdt de Oorlog met den Heer van Arkel, en de Utrechtenaars en hunne bondge- noten , die van Vianen, vernieuwt, en duurde nog twee en een halfjaar. (2) En klaagden de Utrechtenaars, dat dit verdrag met den Heer van Arkel door Hertog Aelbert was ingegaan buiten hunne toeftemrainge,tegen den zin vanhet verbondt met Hertog Aelbert gemaakt, waer door haar de1 hoop benomen wierd van Hagejleln en Everflein te bemachtigen. Ook was dit verdrag gefloten te- gen den zin van Hertog Aelberts zoon den Grave van Ooftervant (3) die naar alle waarfchynelykheit de Utrechtenaars in dit voornemen van zich in de- ze vrede niet in te laten zal geftyft hebben.
1403.
Om dat verfcheide aan het bevel van den Raad
om tegen den Heer van Arkel te velt te trekken
niet
Anal.p. 3J4- zeggen, dat het beleg »t. weeken geduurt heeft.
(i) De voorwaarden van die vtede zyn te vinden by Kemp
tefchr. van Gom. bladz. 172.
U) Volgens Heda pag. 267.
(t) Ziet Matt. Veffii Annales lib. XIV,
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1403. JAARBOEKEN, 33
niet hadden gehoorzaamt, wierd in 't begin van
het Jaar 1403. even voor den tyt van de veranderin- ge van de Regeeringe, by den Raadt befloten ,dac alle, di.e niet mede gegaan waren met Stads wimpel, in hunne gilden niec zouden te lote gaan, om de Re- geeringe van dat jaar te helpen beftellen. En dat 'er veele zullen geweeft zyn , die de zaak van Arkel. toegedaan en anders gezint waren , fchynt my te blyken uythetRaadsbefluitgenomendonderdags na S. Brixius dag : De Raet van der Stat oud en- de nye zyn eendracbtelic overdraghen, dat van de~ J'er tyt voort nimmermeer enich man van on/en <aie- derpartien enigbe bevelinge ofte bewynt hebben zal in zinen gbilde in eniger voys. by welk Raadsbefluic vorder belooft word hondert gulden aan den gene, die Borre van Tyel en Willem van Heze, de vo- rige nacht uyt Stads flote ontkomen, of een van hen , wederving, en den Raadt leverde. Zynde mede te dier tyt ontkomen Claes Clinkart, doch op wiens lyf de beloofde prys niet geftelt is. en die geene, die een van haar drien huisde, of hoof- de, zoude eeuwig uit de ftadt zyn: zonder byvoe- ginge waarom zy gevangen zyn geweeft: en Claas Clinkart nevens zyne broeders Wïllem en Daniel* is 's woensdag najaers dag 1404. verzoent met den Raadt.
De Regeeringe is dit jaar op den gewcondyken,
tydt aldus geftelt.
Schepenen.
Jacob Sloyer, Borgermeyfter.
Lodewyk de Wale. Vrederic van Drakenborch. Dirc Gun te r. Ghysbrecht van der Weyde.
C God-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
3f ÜTRECHTSCHE 1403.
Godfcalc van Winfen.
Johan de Coninc. Pilgram de Walc. Matheus Pot. Jonge Beernt Proys. Petéf Ruflche. Egbett Jacobs zoen.
"
fX 20011.
'
*>
Jan van DamafTdië, Borgerffleyfler.
Herman van Oemeren.
ftyqwyn Jans zoen.
Willam Henrix zoëtt.
Hubért Ëgberts zoen.
Dirc Heer.
Jan Knwt.
Tyman de Langhe.
Wernaer Bertouts zoen,
Gofwin Lichtenap.
Gheryd de Haen.
Hughe Grawaert.
Peter van Snellenberch.
Mattheus Scrddekin.
Willam van Alendorp.
Jan Gheryds zoen.
Claes Hermans zoen.
Henric Pouwels zoen.
Peter Scrodekin. '
Jan van den Doem.
Jacob Hombout.
Willam Jacobs zoen.
Dirc Pyl.
Lambert de Witte.
Achter
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||
|
|
1403- JAARBOEKEN. 33
Achter deze lyft der Raden , ftaat aangece-
kent: In den jare ons Heren dufent vier bonden en drie , des diensdaghes na finte Simon Jude» dach dpo/ïelen beghan ie Henricus Pauii te jcriven voir den Raet van Utrecht , Bernt Proys Scout. 't welk geoordeelt hebbe hier te moeten melden , om dat in de lyfte der Secretariflen van de Politie der Stadt Utrecht in 't Utrechts Placcaetb. indeel bladz. 262. deze alleen genoemt wort Henricus en gezegt,dat hy gevonden word in den jare 1423. blykende uit deze aantekeninge, dat hy al twintig jaren te voren Geheimfchryver van den Raadt geweeft is.
Voorts zyn tot Oudermans verkoren.
Jan van den Spiegel , Overfte Ouderman.-j Wamfhi»
Jan van Lichtenberch. * ders.
Jan Knyf. l o -j
Egbert van Groenenberch. * '
Peter Jans zoen. } fi Jan de Wale. |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
Aernt Pot. -> Vleyp:bou-
Vredric Jacob Vrederix zoens zoen. * wers.
Henric Lichtenap. -> vr^irnn
Henric ClaesVenckuns zoens zoen. ^ ^
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
Ghfsbert Gheryts zoen. f Wollevewers.
Ghysbert over. die Vecht.-. Mariuden Henric Vos. * Marsluden.
C a Alfct
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
|||||||
|
|
36 U T RE C H T S C H E 1403.
Alfer van dea A. » T> . Ao
Claes Sabel. > Botterlude. |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
°' } Cordewaniers.
Jan Ghifeberts zoen. *
Marten Mathies zoen. -> n A n
f~>,.r i f > Oude Cordewaniers.
Ghifebert Jans foen. -f
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
WÏlaSmPva" Mae,fa.> O* Wamfnider,
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
Tyman Droom. j. Graeuwcrkcrs.
Jan Walnaer. -
Henric van Ghent. 7 D. f .
Hendric Vredericx zoen.> ^^^deis.
Herman Weflels zoen.} B lhouwen-
Aernt WiJlams zoen. J }
Jan Gheel. » cmoj-
Tyman de Haen.>Smede'
Michiel Zalm. } Zadelaers.
Dirc Dircs zoen. J
Dat de Regeeringe van deze Stad toegeftann
hebbe openbare hoerhuizen , blykt uit veelebeflui- ten des Raads , van tyd tot tyd , en genoegzaam jaarlyks , genomen , waar by zy bepaalt de tyden wanneer, en de plaatzen alwaar, deze fchande- lyke handel mogte worden bedreven. Ten op- zicht van het eerfte vindeik een aanmerkelykvoor- beelt in dit jaar, in welke Vrydags na onzer Vrou- wen dag aflumptio , de Raed geboden heeft , dat gheen vroukyns , die om ghelt zitten , boer doeren op noch toe en doen , nader elf uren in der nacht bi ponden , alfo dlcke alst yemant dede. Deze
wier-
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
||||
|
|
1403. JAARBOEKEN. 37
wierden doorgaans genaamt mene ofte lichte lui-
ven, en 's maandags na Ponciaans dag 1413. word gezegt door lichte wiven te verftaen, die men om geit minnet. En by na jaarlyks wierd van den Raadt by klokluydinge afgekondigt, dat dezelich- tekoyen des avonts of des nachts op geene kerk- hoven mogcen gaan, om daar hare onreinigheden te plegen, op verbeurte van haar opperfte kleedt, ook wel onder bedreiginge, datzy in het gevangen- huis eenigen tydt zouden leggen.Maar voor al waren haare woonplaatfen bepaalt,welke niet mochten zyn in eerfamen, maar in achterftraten, als gezegt word vrydags na Jacobi 1431. en was dit in 't jaar 1394. al vaft geftelt, als uyt het Roofeboek bewyft Matth. lib. i. Fundat. Ecclef. cap. 37. welke ach- terftraten noch nader bepaalt worden des woens- dags na Oculi 1470. en Vrydags na Barthelmei 1479. te weten achterftraten, die aan onzer Stat mueren ultgaen , en niet over al in die ftraaten mochten zy haare woonplaatfen hebben, maar al- leen in de helft van de ftraten ter muurwaertsaan, die geene kruysftraten waren, en by verfcheide Raadsbefluiten zyn enige ftraten en plaatzen uitge- zonden , als in de Vieftege by de Put, 's maen- dags na S. Ponciaen 1413. 't heilige leven by de Wittevrouwen , 's woensdags na S. Paulus dag 1449, de ftege van S. Jacobs Kerk ter Weerdpoorc aan , 's woensdags na Converfionis Pauli 1463. achter S. Peter in den Regenboog 's maandags na Agneds 1464. en 1465. niet by S. Jeronimus School en S. Bartholomeus Gafthuis, fcho,on by de walle gelegen, den 12. Oftob. 1552. en 6. Juny 1556. en den 17. April 1510. is verftaan, dat Margriet van Catwyk op S. Jans dam geen oneerlyke her- berge zoude mogen houden , en dat zy en alle
C 3 ande-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
3B ÜTRECHTSCHE 1403,
anderen, die oneerbare herbergen houden,alleen
zullen mogen wonen in acbterjiratenbydemuuren tvtgaande , met byvoeginge , en wat luyden, dit aldus ifft gebot van den Raeiie wten huyjén vaeren moeten, /ellen voertaen ongebouden we/en va» de nahaer, die ty nog aan den huyfen hadden, endc daer enjelmen oick nyemant meer r echt s op vorder en iaten.
Uyt al het welk blykt, dat het houden van
hoerhuizen, indien de voorgenoemde bepalingen tnaar in acht wierden genomen, niet verboden, maar in tegendeel geoorloft was. En dit moet ons niet verwonderen , als wy denken, dat vol- gens de leer der Roomfche kerke, om meerder kwaat, zo zy voorgeeft, voor te komen, zulks toe-gelaten word. (i)
De Utrechtenaars waren in den vreede tuflchen
Hertog Aelbert én den Heer van Arkel, niet be- grepen, zo als ik hier voor hebbe aangetekent,en geen wonder, om dat by dien vrede de Heer van Ar- kel in 't bezit zyner landen en heerlykheden bleef, en dus ook de floten van Hageftein en Everftein be- hielt, uyt dewelke groot nadeel aan de burgers en ingezetenen,voor al op den ftroom van de Lek wierd aangebracht. Waarom zy zich wederom gereet ge- maakt hebben, om den Heer van Arkel afbreuk te éoen. En op dat de Lezer weten zoude, hoe, en in wat ordre , de uittocht te velde tegen den ^vyand gefchiede,»al ik hier opgeven het befluit des Raads op S. Philips en S.Jacobs avont genomen;
Aldus zeilen de Mlden -wftrecken , als men 4e
the flttet, ende de ff at gbewapent vatreyft «n dreen patatten, tn
(i) Ziet Chaffaneus Catalog. Gloriae Mundi part. Xii.
|
|
||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
i4«3- JAARBOEKEN. 39
In der eer fier batalie zeilen trecken de Louwers
en de Wollewevers, de Steenbickers ende Qudewant-^ fniders, de uter Tollen/lege, Lynpad ende Abfleden mit horen Scouten, de Moelnaers, Linnevaeversen* de de Backers, ende die zeilen de afterhoede houden van der eer/ler batalie , ende daar zeilen de Py- ners(i) bi wezen, ende hier zeilen mede wttrecken, alle de Scepene, Raet ende Oudermans, die in de- zen voerzeyden gbilden horen , ende hier zei bi we- zen der Scutte rode Panyoen.
Dit zyn de f/eeffrnans der eerfler batalie, Vrc-
deric van Drakenborch , ende Joban van Lantscrone.
In der ander batalie zeilen trecken der flat ban-
nier , de Wantjnlders, ende Sniders, de Vleyfcbou- vaers ende Vijcbcopers. daer na de uten Weerde, en~ de alle de ghene , die buten der Weerdepoert vooen- afticb zyn in der (lat vriheden, ende dit mit dien
J v J
uten Weerde wt plegben te trecken. ende daer na de
Corencopers , ende die zeilen die afterboede houden van der ander batalie, ende bier mede zeilen iuttrec~ ken alle de Scepene, Raet ende Oudermans, die in dezen voerzeyden gbilden boren.
Dit zyn de Hoeffmans van der ander batalie,
Goedfcak van Winfen , ende Tsbrant van der A.
In der derder batalie zeilen trecken de Marslu-
den enèe Botterlude, de Smeden ende de Zadelaers, de Bylfawwers, de Ryemfniders ende de Graeuwer- kers, de Gordevoaviers out ende nywc , ende die
zel-
<i) tyntrt, dat is Pypew of Speelleden, zie* »»n Loon
aloude regeer, van Holland iv. deel bladz. 372»
C 4
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
4e UTRECHTSCHE 1403.
zeilen die afterboede houden van der der der batalie, als
men wttrect, ende die voer ft e -wezen, als men weder in- t reet. ende bier zeilen medewt trecken alle de Scepenet Raet ende Oudermans, die in denvocrzey den gbilden boren, ende bier zelbi wezen der Scutte wittepanyoen.
Dit zyn de Hoeffmans van der der der batalie,
Alfer van der A , ende Gberyd van Da- majfcbe,
Diergelyk befluit heeft den Raad ook genomen
's woensdags na beloken Pinxteren 1405. en Mau- riciidag 1407. en meermalen in het vervolg, en ook reets een jaar te voren op ten heiligen Cruys dag exaltatio 1401. Ik hebbe ook noch een out befluit hier omtrent gevonden , genomen dingsdag na Margarete 1386. waar by verftaan is , dat in de eerfte verdeelinge de Schepenen, en Raden out ende nieuwe met ftads banier de voortocht heb- ben zouden,en dat de Overften daarvan deOver- fle Hoofdmannen zouden zyn. By latere befluiten worden alle, die boven de twintig jaren engezont van lyve zyn, gelaft mede te trecken, alleen daar van verfchoont blyvende, die meer dan zeftig ja- ren oudt waren, (i)
In dit jaar zyn de gemoederen niet minder ver-
bittert geweeft, voor al na dat men tyding kreeg, dat den Heer van Arkel twee dezer ftads onderza» ten, waar van d'een buyten de Tollefteeg en d'an- der buyten de Weerdpoorte woonachtig was, ge- vangen gekregen hebbende, hadde laten onthoof- den , tegen "'t gebruik van die tyden, waar in de gevangenen voor zeker losgelt wierden vry gela- ten
(i) Een ander Raadsbefluit van 't jaar 1387. kan men »'cn
\>J M»ttjj. óe NobiJit. lib. n. eap. if. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1403. JAARBOEKEN. 41
ten en wedergegeven. Waar om den Raad der
Stad Utrecht 's woensdags na Galli befloten heeft 't zelve lot te doen ondergaan aan twee onderza- ten van den Heer van Arkel, en t'onthalzen Jan Wilgaerts zoon, door de wandelinge genaamtMt verloren kindt, en Bertout Ber-touts zoon: en het befluit nopens die gevangen mochten worden , in 't vorige jaar genomen, en hier boven vermeit, in dezer voegen verandert: Want de Raet van der Stat. voertyds o-verdraghen ende ter doeken gbekun- dicbt hadden , zo wie eenen man vanghe van onzen vyanden , dat hi dien behouden zoude, of de Raet zoude hem daer voer gheven eenfomme ghelts: ende want den Heer van Arkel aldus onredeliken mitten onzen omme ghegaen heeft ,20 zet de Raet dat voer/z. ghelt af. Ende zo wie "aan dezer tyt voert enen Ridder vanghe, ende der Stat leverde, dien zei de Raet gheven twe bonden gulden : ende zo wie enen nvelboren knecht venghe , die zei hebben vyftich gul- den : ende die enen buysman venghe, die zei hebben vyf en fwintich gulden, ende der Stat leverde al/è voer/z. ftaet. Zekerlyk met dat oogmerk , om , als den Heer van Arkel enige gevangene Utrech- tenaars mishandelde , de Raadt der Stadt gele- genheit zoude hebben , om gelyke vergeldinge te doen.
Eer ik van dit jaer affcheyde, moet ik noch
aanmerken , dat in dit jaar, en in meeft alle de volgende, even na de veranderinge van de Regee- ringe, door den Raad vaftgeftelt wiert de loop en waarde van 't geld, waar na de Cameraars Stads inkomen zouden opbeuren, en de fchuldenenren~ ten betalen. En dit was nodig, om dat de munt- prys onzeker en verfchillende was. (i) (i) Ziet Matth. torn. u. Analeft. vet. aevi p. f22.
C 5 In
i
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
42 U T R E C H T S C H E 140*.
1404.
In het Jaar 1404. vinde ik de Regeeringe op den
gewoonelyken tyd aldus bedelt.
^
Die Scepene.
Jan Hombout, Borgermehter.
Gheryt Vrencke. Jan die Wit. Willam van Minden. Volprecht van Amerongen. Jan van Lantscroen. Gheryt van Damaflche. Jan van Clarenborch. Willam van Winfen. Yfebrant van der A. Jacob van Lochorft. Claes Sloyer.
Die Rade.
Jacob Sloyer Henrics zoen.
Godevaert Spiker. Tytnafl Herboort. Lambrecht Peters zoea. Peter Foeyt. Dirc van der Weyde. Henric Moerkin. Herman die Vroede. Jacob van Jutfaes. Jacob Herboort. Roelof uten Elsweerc. Dirc van der A. Louwerens van Hamerftein. Jan Gheryt Gepels zoen.
Ghe-
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1404. JAARBOEKEN. 43
Gheryt Bolle.
Jan van Tyel. Jacob Haec. Andries die Wit. Timan Walmer. Peter Walmer. Michiel Thomaes zoen. Claes Splinter. Dirc Willam. Vrederic Matten.
Oudermannen.
Willam Scade. \WantfnKlers
Gheryt van der Mafch Ghery ts zoen *
Jonge Ghifebrecht Galencoop. -> Sniders.
Dirc Wouter.
Claes Keteler. j Backers<
Claes Gheryt zoen. J
Peter Jan Kinkelers zoen. , Moelnaers.
Dirc Jans zoen.
Manen Ouderog. , Linnewevers.
Jan Louwerens zoen.-»
Jacob Egberts zoen.-, Vleyfchouwers.
Jacob Vredencszoen-<
Jan Liboert -, Vifchcopers.
Henric Pouwels zoen.J
Henric de Wit Jans zoen. r Louw^rs.
Steven Zullen zoen.
Oude Willam die Verwer.-, Wo]leweveK.
Peter Hazaert.
Jan Uwn Gaerde. -j. Marslu&n.
Lodewyck de Wael Lubbertszoen.-1
Splincer Beren zoen. } Botterluden.
Willam van Week. J
Hen»
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
44 UTRECHTSCHE 1404.
Henric van Endoven. } Cordewaniers.
Jan Vrancken zoen. J
Jan Claes zoen. } Oudecordewaniers.
Hennc van Manderen. *
Jacob Taets. -, /-, ,
Riqwun van den Velde. > Corenl«>pers.
Andries Paep Lewen. } Oudewantfniders.
Henric van Beesde Jans zoen.-*
Claes Huberts zoen. -, c ,. , Gheryt van der WyerzeJ Steenblck^s. |
|
||||
|
|
||||||
|
|
Walme, > Graeuwerkers.
Willam van Vloeten. Timan van Dorfchen. Dirc Willams zoen. Jan die Wit Ghifeberts zoen. Wouter Grawert. } Smede> Jan Stavert.
Anflun Zalm. > 7 , ,
GhifebrechtZalm.}Zadelaers-
Vermits de Overften , eer zy van het Stadhuys
gingen, alle ftads ambachten, of, zo wy hen te- genwoordig zouden zeggen, alle ftadscommiflien, voor dat jaar , moeften vergeven , en daar onder ook waren de Cameraars , die ftads goederen be- heerden, de inkomiten invorderden, en de fchul- den betaalden, zo heeft den Raad, des woensda- ges na S. Pouwels dag converfio, verftaan, dat de vier Over ft en zullen waren ende voldoen der Stat voer boren Cameraers , die zy zetten. Dus moeften zy borgen blyven voor derzelver goede beheerin- ge, en indien de Stadt 'er by te kort quam, 't zel- ve voldoen. Hierdoor wierd belet, dat die poften nie? naar gunft vergeven wierden , en veroorzaakt,
dat
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
1404. JAARBOEKEN. 45
dat de Overften geene , dan die bequaam en nut-
te waren tot die bedieningen , en van wier trou- we behandelinge zy verzekert waren, verkoren, en dat de Stadt, ingevalle van eene kwade behee- ringe, fchadeloos geftelt wierd.
In dit jaar des woensdags na S. Mathys dag
heeft vrouwe Belye van Steenre het kloofter der Karthuyzers in Bloemendaal met inkomften begif- ticht,waar van de briev te lezen is by Matth.lib. n. Fundat. Ecclef. p. 424.
Veeltyts gefchil geweeft zynde tuflTchen die van
Loosdrecht enBreukeleveen over hunne grensfchei-
dinge, is de zaak in dit jaar gevonden, in dezer
voegen: Frederic van Blanckeftbem, by der gena-
den Goeds Biflcop t'Utrecht maken kont allen
luden; Want lange tyt twift ende fcelinge ge-
weeft is tuflchen dien vandenZ,o<?ft/ra:/&/aendie
een zyde, ende die van Broekeheen aen die an-
der zyde, als om die paelfceydinge te doen,
ende die rae te trecken tuflchen beyden zy-
den voerfcreve. Ende want wy die wil van beyden
zyden voerfcreven vervolcht zyn, omalfulke twift
ende fcelinge of te leggen, alfo veere alft in
ons waer , daer wy alle wege toe geneyget fyn
geweeft, foe zyn wy des met goedenvoerdach-
ten finne mit onfen raede, ende goetduncken
onfer Ecclefien ende der Stat van Wtrecht over-
comen, dat wy drie wc onfen Rade, mït na-
men Heren Amelys uten Enge Ridder , Ja-
cob van Zulen , ende D'trck Borre , daer toe
gefet ende getnachticht hebben van onfer we-
gen , gelyc die hogegeboren onfen lieven ne-
ve Hertoch Aelbrecht van Beyeren , Greye
van Henegouwen , van Hollant ende van Ze-
lant, oec hoer drie, als mit namen Heren Ge-
raert
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
4$ UTRECHTSCHE 1404.
\
raert van Eemskerke Ridder, Florens van Al-
cemade , ende Wouter van Munden, Ridders, daer toe gefet, ende gemachticht heeft, die rac te trecken, ende paelfcydinge te doen tuf. ?, fchen beyden zyden voergenoemt. Welke fefle dicwil, van onfer beyder heren wegen, te fa- men daerom geweeft hebben, ende fyn eens feggens eendrachtelic overcomen in allen ma- nieren , alfe hier na befcreven ftaet. In den eerften fo fel men een pael fteken op ten eyn- de van Broekelveen, tenden hore boulande ter drencfcoet waert midden in die grafte , en- de dat felmen recht op drie bomen op ten uterften boem van der drencfcote tot onzer Stat waert van Utrecht, ende tot aen der Goyer- veen toe. Ende des foe feilen die van Broe- keiveen , ende die van der Loesdrecht , een kenlike befceyde fceydinge maken tuflchen hoe- rer beyder landen, op dat een yegelic weten mach waer fyn lant heert. Ende defe fceydin- ge fal duren tot ewigen dagen, behoudelich al- Ie recht ende brieve, die enich Heer van ons Here voerfcreve van den anderen hebben mach , in hoeren machten te bliven. In oer- conde alre faken voerfcreve , foe hebben wy Biflcop Frederich voergenoemt defen on- fen brief mit onzen zegel doen bezegelen. Gegeven int jaer ons heren dufent vier hon- dert ende vier, den vier en twymichften dach in Aprille.
In dit jaar is ook een overdracht gemaakt tuf-
fchen het Capittel van den Dom en de Stadt Utrecht over de Borcbbrugge, die voortyts van hout, nu van fteen, gemaakt zoude worden,wel- ke te vinden is by Matth. de Jure Gladii cap.xxui.
Pag-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
H04- JAARBOEKEN. 47
pag. 385. doch dewyl dewyl ze daar niet zonder
fouten gedrukt is, zal ik dezelve, zo als ik die op on* Stadhuis gevonden hebbe , alhier plaats geven.
,y Wy Deken ende Capittel der kerke van den
,r Doem op te een zyde , ende wy üurgermeyfte-
ren , Scepenen ende gemeene Raedt der Stadt
van Utrecht aen die ander zyde, doen kondt
ende kenlick allen luyden , dat wy eendrachte-
licken van der Borcbbrugge overdragen zyn ,
als hier na befcreven is. In den yerften foe heb-
ben wy Deken ende Capittel ten Doem der Stat
van Utrecht overgegeven alle recht ende toe-
feggen, dat wy hebben aen de twee huyfen, die
ftaen aen de oeftzyde van der Borcbbrugge voir-
fcreve afF te breken, ende niet weder the tym-
meren. Ende voir defe twee huyfen voirfcre-
ven hebben die Stat ons Deken ende Capittel
,, vernueget ende voldaen mit borgen voir drie
hondert ende vyff ende twyntich oude Vranck-
rycfe feilden. Voert zoe zeilen wy Deken en-
de Capittel mitter Stadt die Borchbrugge van
fteen doen maken , alfoe breet, als die Gaard-
brugge nu is. Ende foe wat renten ofte bate van
der voerfcreve brugge comen zal opt oefteyn.
de van der brugge voerfcreve, het zy onderoft
bove, daer zeilen wy Deken ende Capittel die
twee deel off hebben , ende die Stat dat derde
deel. Ende waert fake , dat men dat wefteyn-
de van der brugge voirfcreve rumen zoude, ende
dat die Stat cofte , foe zoude die Stat die ren-
ten ende bate van den wefteynde, onder ende
boven , zonder argelifl, alleen hebben. Mer
wouden wy Deken ende Capittel die twee deel
van den coep ende oncoft dan gelden, loe zou-
de
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
48 UTRECHTSCHE 1404.
,j de wy die twee deel van den renten ende bate
Voirfcreve hebben , ende anders zoe zei t die Stat alleen behouden. Voert zoe en zei op deze brugge nyemant loedfen noch fcragen fetten, noch geen comanfcap op houden , oft tafelen, oft banken-, oft enigerhande becommernifTe daar op maken, buten confente ende wille ons Dekens ende Capittels, ende der Stat voirfcre- ve , die een nyet buten den anderen. Voert zoe wes ruym dat blyven zei tuflchen die Borch- brugge ende den opflach, die wy Deken ende Capittel daer hebben, daer en zei der Stat noch nyemant anders geen ftyger maken , noch nyet op tymmeren, noch geen commernifle daer op ; maken, boven noch beneden, buten confent ende wille ons Dekens ende Capictels, ende der Stat voirfcreve,ende die een nietbutenden anderen; behoudelick Henrick die Jonge, ende zynen erfFgenamen ende nacomelingen hoeren wtganck ende duerflach in zynen kelre, alfoe groet ende alfoe cleyn, als hy em daer nu ter tyt heeft. Voert zoe zei die pylre van derbrug- ge aen die oeftzyde van der graft lyntrecht ge- leyt werden, ende blyven op dat hoeft, datwy Deken ende Capittel daer nu hebben, fonder arch. Voirt zoe zei dat gat van der Borchbrug- se aent oefteynde alfoe wyt wefen, datter dat fcip myt finte Mertens fteen ammelick mitten ,, eynde in leggen mach. Voirt zoe zeilen wy Deken ende Capittel van der voirfcreve Borcb- brugge te maken ende te becoftigen, die tween ,, deel daer aff gelden, ende die Stat dat derden deel , ende ten euwigen dagen alfoe houden ende vermaken, als te doen is , fonder arch. Ende want wy Deken ende Capittel, Burger-
mey-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||
|
|
1404» JAARBOEKEN. 49
,, fters, Scepenen, ende Raedt der Stat van U-
trecht voirgenoemt , alle deze voirfcreve pun- ten ewelick vaft ende (lade houden willenende zeilen , daerom hebben wy Deken en Capittel ons Capictels zegel , ende wy BurgemeyfWrs , Scepenen ende gemeenen Raedt voirfcreve on- fer Stadt zegel van Utrecht aen defen brieffdoen hangen, tot eenen olrkonde der waerheit. En* de defer brieve zyn twee van woirde te woirde alleens fprekende. Gegeven in 't jaer ons hee- ren duyfent vier hondert ende vier op finte Andries avont. (i)
Ook heeft de Raadt in dit jaar eene rydingege-
fielt op het bier, waer van een tafel Wierd opge- hangen op het Stadhys by dé rydingè van net broodt , 't welk naderhant dikwils vernieuwt is, als wy in 't vervolg zien zullen.
Dat de Utrechtenaars dit jaar te velde zyn ge»
weeft tegen den Heer van Arkel , btykt üyt net Raadsbefluit op S. Jacobs avont ter klokken afge- kondigt , waar by een ieder bevolen wierd in de reyfen de Hornans en de Raden , die dan in den velde zouden zyn , gehoorzaam te zyn , en te bly- ven onder het bannier of wimpel, waar ouder hy behoorde En vinde ik in dat jaar verfcheyde bur- gers in des Stads Raadtboek vermeit, die, wegens ongehoorzaamheit aan dit bevel , zyn ombufgert.
De Raad heeft vrydags na Petri , aan de Homans
der Schutten belaft, alle jaren rekening ende be- wys te doen van hunnen" ontfaflg ende uitgaaf aan de Schutten , in allen manieren , ende ctt' |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
|
|
der alzulke koren , alje die Ouder mam hor e
|
|||||
|
|
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
(i) Van dezeBorchbrugge, t|at is Stadsbrugge, zi
<i<; Jure Glad. p. 381. & leqq. |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
|||
|
|
5$ UTRECHTSCHE 1405.
gbilden jaarlix feuléicb zyn ende plegben te doen»
1405.
In 't jaw 1405. is de Regeeringe aldus beftelt.
Schepenen.
Jan van Lichcenberch, Burgermeifter.
Jan van den Spieghel. Jonge Beernt Proys. Vrederic van Drakenborch.
Ë.cob Sloyer.
enric van Ghe»t, Willam van Alendorp. Peter Jans zoen. Jan de Koninc. Peter Ruflche. (i) 5weder van Houdaen. Jan van Groenewoude.
Raden.
».
Lodewich de Wael.
Egbert van Groenenberch. jan die Wael. Riqwyn Jans zoen. Egbrecht Jacobs zoen. Steven van Sleen. Godevaert Franken zoen.. Henric Sas.
Jacob van Lichtenbereh.
Goeflen Licbtenap. Ghifebrecht die Kraen.
Peter
(i) Dat ii Ruyfcb, op andere plaatfen
-
|
||
|
|
|||
|
|
|||||||
|
|
JAARBOEKHK fi
Peter Van Snellenberch,
Henric van Luttichenhuys*
Mattheus Pot.
Henric Vredericx zoett*
Claes Hermans zoen.
Dirc Pul , die Brouwer.
Henric Poüwels zoen , die Gouift»it«
Jan Gheel.
Jacob Hombouf.
Bartholomeus GlaZemakef.
Peter Hughen zoen.
Wernaer Bertouts zoen.
Goedfcalc van Winfen. ^i)
Oudefmaaaeti*
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
Herman Graweft. > Sr1if, ,
Herman Van Oemeren. * ( |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
Claes
(t) D«te word met Jjrti *«n LichteiAerg vtn Lantscroou
Burgermeefter genoemt ia een brief by Matth. de Jure GU- dii cap. xn. p. 18).
(l) Deie word op deaelve plaets Overfte Ouderaonn g«-
D i
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
||||||||
|
|
52 UTRECHT S C HE 1405.
Claes van Loenen Jacobs zoen. T T
Louwers.
|
|
||||||
|
|
|
|||||||
|
Claes Stevens zoen.
|
||||||||
|
|
||||||||
|
|
˱epTamdieVerwer>>WolIewevers-
Ghifebrecht over die Vecht. » n*.. , < ,
r»- j- T u j iviarsluaen.
Dirc die Jonghe.
|
|||||||
|
|
||||||||
|
|
Hubert Daniels zoen. » P,., _» i -
Keyfer Peter Jans zoens zoen/ Sc«nb1Ckers.
Mattheus Scrodekyn.} G k
Jan van Hollant.
Louwe Maes zoen. } R fniderSt
Dirc van der Meer.J J
Arnt Willams zoen. } B lhouwers.
Herman Wefiels zoen. J
Peter Scrodekyn.}Smedent
Jan Zincelbier. J
MichielJanszoen.}ZdI
Dirc Dircs zoen. f
Hertog delbert in het vorige jaar den xn. D«-
cember in den ouderdom van LXXIV. jaren over- leden zynde , was hem als Grave van Holland op- gevolgt zyn zoon Wïlkm, tegen wiens zin, als wy hier voor hebben aangetekent , de vrede met -4en Heer van Arkel gemaakt was. Geen wonder
derhal*
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
1405. JAARBOEKEN.- 53
derhalven , dat hy d'Utrechtenaars allemhalven
begunftigde , haaft gelegenheit zullende vinden, om op nieuws met den Heer van Arkel in oorlog te komen , en dus gezamender handt met die van Utrecht denzelven alle afbreuk te doen. Teji be- wyze hier van dient een gezegelde brief in het begin van dit jaar gegeven, welke, myns wetens noch niet gemeen gemaakt zynde , van dezen in- hout is: Willam bi der genaden Goets Palens- grave op ten Ryn , Hertoge in Beyeren, Gra-? ve van Henegouwen, van Hollant,van Zelant, ende heer van Vrieslant, doen cont allen lu- den , dat wy genomen hebben , ende nemen mit defen brieve onfen goeden vreenden die Stat van Utrecht , ende allen horen borgeren in onfe fekere befchermenifle over al in den on- fen. Ende hebben der <elver Stat, ende ho- ren borgeren ghegeven , ende gheven mit de- fen brieve, een goet, vri, vaft ende fekerghe- leyde, veylich mit alle horen goeden te varen, te merren , te keren ende te wefen overal in den onfen, te water ende te lande, wtgheno- men die gene , die onfe vyande of ballinge onfer lande zyn , ende behoudelic ons onfer heerlicheit, ende onfen rechten toQ, als haer toe gewoentlic geweeft heeft, duerende vier jaer lanc na den date desbriefs, of daerenbin- nen viertien dage lanc na onfer wederfeggen. In oirconde defen brieve, ende ons fignet hier op gedruct. Ghegheven in den Hage op ten derden dach in Januario iq 't jaer ons heren M C C C C ende vier na den lope van onfen
Hove.(i)
Hier
(l) Volgens welken Let jaar beeon met PaafTcben. By anderen
D 3 bego» |
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
$4 UfRECHTSCHE 1405,
Hief op hééft dé Ra&d hare boïgers en onder»
«atert getvaarfchóuWt allé bedrog te röyden, en fmnhe góéderen in Holland te vertollen, zo als be- hoorde , zullende dé Raad gene, die het tegen» fleél deden, étt-door Sie van Holland achterhaalt trtèrden, behulpzaam zytt, öOch zich hunne zaak aantt-ekkén, volgens befluit genomen op S. Mareen fchuddekOfft dag.
Niét lang hief tja , te \yeten omtrent vafteni-
Vónd , door WilkWi van T/èndoorn Ridder , en voornaam bevelhebber ónder den Heer van Arkel, Workurn by verrafTchiftge ingenomen zynde, heeft Hertog Wïllem , voorgevende (i) hier door de trede van doft Heer van Arkei fchandelyk verbro- ken te zyn , veel volk by den anderen verzamelt, fcn 2ich niét dé Stadt Utrecht nader verbonden hebbende , heeft ieder zich ter veldtocht bereyt, En deWyl de Heer van Arkd de Stadt Gafpaarn ïhet de öötén H&gefle'ftt 'wEverftein, omtrent een
quar-
t>egorj Iret jist thtt Kotsmrt, als W« t'CJtreelrt, gelyk Wykt
\ayt ket eerfte artikel van de Goftuymen en Ufantien den tier. tog v*n -Aha overgegeven , te vinden in het Utrechts Plat- caetboek 111. Deel bla'dz. }<${. Andete ftelden het begin v»ft 't jaar ipet den ïSerfteh jahujTJus, 't \relk de gemeefie ftylge- *»o«mt Wierd. 2/iïJt MatA. t. v. Ahal. ip.< ï<\.. en 't geen de eeer |fel«rde H«er Öriffier van ée Water in 't Utrechts Placcaatb. Hl. Deel. bladr. y^. en^5-4. en in de Voorreede, en de naar. ftige en Öutheidkundijge Heer Mieris in ïyn Voorbericht op '4e Hiftbrie der l^rfdetfendrche Vorften aangetekent hebben, (i-) Zo getuigen ftjeeft alle d* Hollandfcbe Schryvers;doel» Kempin zyne Befchryvinge van Gorinchem bladz.i-f<t.. en Slich- tenhorft bladz. 201.-zeggen, dat Hertog WiileiU Benige g*, vangehe GprfrfChefhmm hadde doen brengen te Workt>ni9 om die in 't gezicht van dit van Gorinchem gis moordenaars en ftraatfchenders op raderen te doen zetten, en dat om die ie verloflen , en d'uitvoeringe van dit vonnis voor t e kom en, IViltem van Tftndaorn by verraflinge zich hadde meefter ge. maakt yan WorHiebgm, en dus de gevangenen vrrlpft. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1405. JAARBOEKEN. $5
quartier uwrs van den anderen Afleggende, bezat,
en uit dezelve dikwils niet alleen verfcheyde ftro- peryen in het Sticht aanrichtede, maar daar door meefter was van de riviere de Lek , en dus veel nadeel aan de Borgers van Utrecht in hunnen koop- handel toebracht, 200 befluiten de bondgenoten deze plaatzen te gelyk te belegeren. Even na Paafïchen word dit in 't werk geftelt, en worden beyde die Kafteekn, die in dien tyd gehouden wier- den voor de fterkfte veftingen toen bekent, door het ftellen van drie groote Dlokhuyfen, naar de ma- nier van oorlogen ter dier tyd gebruikélyk, ter be- neeminge van allen toevoer, nauw ingefloten. Tot noch toe hadt BilFchop Frederik van Blanken- beim ftil gezeten, doch de Utrechtenaars wende- den alle moeyte aan om hem te overreeden mede in het harnas te komen , en brachten hem zo ver- re , dat hy toeftemde in eene t'zamenkomft met Hertog Willem te Vianen, na welke hy den heer van Arkel de vriendfchap opzeide en den oorlog aankon- digde , om dat door zyn volk de Vaert verbrant, en veele verwoeftingen in het Sticht begaan waren. (f) En Hettog Willem op zich genomen hebbende Hagefteln , en de Biflchop met die van Utrecht Everftein te vermeefteren , hebbeji zy die béyde Kafteelen noch nader door het ftellen van eenen treehten tuyn en heyning benauwt,zo dat'er niemant uit óf to kon. Tot dat eindelyk in den winter Ha- gefleln aan Hertog Willem, en Everftein aan dert Biflchop wierd«n overgegeven, door welke beyde die Kafteelen tot den gront toe afgebroken zyn, op dat uit dezelve in het toekomende geen nadeel
aan
(i) Ziet Voflii Annal. lib. xv. p. 114.
D4
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
5<* UTRECHTSCHE 140$.
aan het Nederfticht zoude gedaan worden, (i)
En wierd kort daar na een beftant tuflchen de oor- logvoerende partyen gemaakt, zullende duren tot Pinxteren naaftkomende.
Aan deze manier van belegeringe zegt men, dac
het wapen Van Holland,waar by eene maagtin ee- nen tuyn befloten verbeeld word, zynen oorfpronk verfchuldigt is. (a)
De Ridders en Edellieden , die wegens het
Sticht deze belegeringe hebben bygewoont, zyn geweeft de Jonkbeer van Gaesbeek, den Êurg-< graav -aan Montfoort, Sweer van Montfoort, Dirck van Zuylen , IPillem Toets, Dirk Toets van Ou- daen IVittems zoon, Cornelis en Ernft Taeti Wït- Itms zoonen , fPillem van der Gbeer, Heer van Breukelen, Herman van Loeborft Domdeken ,jfart van Loeborft > Ofte van Nyenrode , Jan van Re- tjeffe van Baern , Jan van Baecx , Jan van Re? tteffe Heer van Wulven, Jan van Drakenburgh, Wïllem de Ridder van Graene/leyn, Jacobvan Cla- renburcb, Beernt Praeys, Jan van Landscroon » Wouter Grawert, Stetien van Zuylen van Nievelt, Dirck van Sterkenburcb, en Dirk Taets, broeder yan Wtllem. (3)
De Heer van Arkel gedurende dezen oorlog
ian de Gelderfchen hebbende laten weten, de goe- deren aldaer gelegen , en de Geeftelykheid van Utrecht toebehorende, niet te pachten noch te ge- bfuiken , hadde hier door veel fchade aan de UT {rechtfche Geeftelykheid gedaan, waarom de Of-
ficiaal
(l) Ziet Mpda p. 1^7. Kemps Befchryr. vïn Gorinehem
p. i f4. en i f f. en VolTius p. 116, die fchryft, dat «erft Ever-, êeiff en toen Hageftein is overgegeven
(l) Ziet Matth de Jure Gladf. cap. xif. p. |8lf
(3) Ziet Gouth. Chroq. p. ^.11.
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1405. JAARBOEKEN, 57
ficiaal van Utrecht de Heeren Jan en zyn zoon
Wtllem van cirkel in den ban heeft gedaan, (i)
In dit jaar is Sweder van Montfoort verlyet met
het Dykgraaffchap van den Lekkendyk beneden dams tot een Erfleen. (2)
Biflchop Frederik van Blankenbeim, de goede-
ren met 'er tyt van het Bisdom vervreemt, aan de kerke wederom willende inlyven, heeft veel moey- te aangewent om de Stad Groningen wederom aan de kerk te brengen , en dezelve te vergeefs be- legert hebbende , heeft haar echter zo verre ge- bragt, dat zy in 't vorige jaar toegeftemt hebben hare gefchillen mee den Biflchop over te laten aan de uitfpraak van eenige zoenluyden.(3)
Hoe Biflchop Frederik de Groningers tot fchul-
dige onderwerpinge heeft gebracht, verhaalt Matth. de reb. Ultr. p. XLI. & feqq. Doch vermits ik op ons Stadhuis gevonden hebbe eenen brief, door fommige voorname luyden van Groningen gege- ven, (belovende dat die zoeneuitgefproken zoude worden op finte Lucas dag te Coevorden, of dat zy anders, indien door toedoen van die van Gronin- gen op dien bepaalden tydc dezelve niet wierdvol- bragt, naar Campen zouden gaan, en daar blyven tot dat deze zaak zyn volle beflag hadde) die by Matthaeus niet ftaat, zal ik dezelve alhier plaats geven.
,, Wy Rembertus perfona to Bafels, Elle van
Middelftom Proeft toUsquard van Honfingelan- , de, Evert Scikinge, Sweder van Winden, Rey- nolt Haghing, Akf Scbellingbe, Coppun Parix%
ende
(i) Ziet Matth. de Jure Gladii cap, xii. p. 177-
(i) Ziet Matth. de Nobil. in. cap. i. p. 886. (j) Ziet Matth. de reb. Ultrai. p. i,.
D s
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||||||
|
|
58 ÜTRECHTSCHE 1405.
ende Egbert van Etbeten, borgherj in Groe-
ninghen , maken kond ende kenlic allen luden mit deflen open brieve, dat wy hebben gheloeft van weghen d«r Stat van Groeninghen, ende der lande van Vrieslant, die vyanden geworden zun ons heren van Utrecht, daer goet voer te wefen die zoene te holden, ende te volbren- ghen mit brieven ende mit zeghellen, als die zoenlude die zoene begrepen ende befcreven hebben aen beyden ziden, na inholt dier cedu- len, die daer op ghemaect zun, ende bezeghelt zun , die men wtzeggen zal te Coevoerden op |
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
»
|
|
fin te Lucas dach naeftcomende, daer die ftrate
|
||||||
|
|
|||||||||
|
|
op ontflaghen is , ende die ghevanghen aen
beyden ziden op quyt ghefcolden zien. Ende waeft zake, dat 'er enich ghebrec in viel van der Stat van Groeninghen, of van denvoirfcre- ve lande, fo loven wy ende zekeren in goeden trouwen ende by onfer eeren, duer voer in te cotnen teCampen achtedaghe na Cnte Lucas da- ghe voirfcreve, ende daer niet en wech tefchey- den , eer die voerfcreve zoene wtghezeyt is , ende die brieve van der zoene ghefcreven,beze- ,, ghelt, ende overgegeven zun aen biden ziden, na inholt dier voirfcreve cedulen. Ende als dat ghefciet is, fo en en zullen wy van defer voer- fcreve lofte niet vorder belaft wezen, fonder arghelift. In oerconde fo hebben wy Elle, Even , Stxeder , Reytieuf , ^/<?/*ende Coppun M voirfcreve onze zeghelle beneden aen dezen brieff ghehanghen, daer ons Rambertus ende Eg- bert voirfcreve to defer tut aen genuecht om ghebreke van onzen zeghellen. In den jaer ons heren duzent vier hondert ende vive op finte Michiels a vont.
Hier
|
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN. 59
Hier op is de zoene zelfs noch in dit jaer ge-
volgt , welke men lezen kan by Matth. torn. v. Analeft. p. ócp. doch hier mede fchynen noch al- le gefchillen niet uit den weg geruimt te zyn, heb- bende de Groningers telkens geaarfelt tot den ja- re 1419. wanneer zy eerft den Biflchop voor hun- nen Heer hebben erkent en gehuldigt, zoo als wy op dat jaar zullen vermelden.
Die van Amersfoort hebben verfchil gekregen
met den Domprooft van Utrecht over het rechts- gebiedt, hebbende eenen Gysbert Dwingelandy die men zeide een klerk te zyn, gevangen geno- men en ter dood gebragt, en daer over tot Ro- men dingplichtig zynde geworden, heeft de Bif- fchop als ook de Domprooft in dit jaar afïland ge- daan van deze proceduren , en de Amersfoorde- naars kwyt gefcholden van de breuken., die zy daer- omme verbeurt hadden, en van de koften van noch een ander verkhil over 't rechtsgebied voor den AertsbifTchop van Keulen gehangen hebbende, en voorts verklaart,dat die van Amersfoort in werelt- lyke zaken niet meer te recht geftelt zouden wor- den voor den Officiaal van Utrecht, maar wel in geeftelyke. (i)
In dit jaar is door eene vechterye, op het kerk-
hof van S. Jan voorgevallen,veroorzaakt,dat niet alleen het kerkhof ontwyt, maar ook de oeffening van den openbaren Godsdienft geftremt is \a>,
waarom
(l) Ziet het Aanhangsel op de Kerkelyke Outheden van
Nederland door den e«r geleerden Heer Drakenborch uitge* geven bladz. \\\. en verv. als mede Matth. de Nobilit. ui. p. 8n. de Jure Gladii p. 608. en in Dedicat. Script. Rer. Amersf.
(i \ <#tjlxaitt is] Dit g«fchiedc volgens ^e overeenkomft
«Jtr Capittden in den jare ij8f. gemaakt3 welke ik gevon- den |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
60 UtRECHTSCHE 1405.
waarom de Raadt, ter wegneminge dezer gegeve
ergernifle, en op dat de Godsdienft wederom on- belemmert zoude geoeffent worden, de fchuldige aan deze vechterye boete opgelegt, en in dezer
voegen
den hebbe in Tiet Chartularium of regifter boek, van het Ca-
pittel van S. Pieter, en van dezen inhout is: ,, In Dei no« mine Amen- Anno nativitatis ejusdem millefimo trecen- tefimo oftuagefimo quinto , indiftione oftava fecundum ftilum & confuetudinem civitatis & diocefis Trajeftenfis , j, menfe Julio die ultima hora tertia vel quafi, Pontificatus ,, fan<£tiflimi in Chrifto patris ac domini , domini noftri Ur- ,, bani , divina providentia Papae fexti , oftavo anno , in mei Notarii publici & teftium infra fcriptorum, ad hoc j) vocatorum & rogatorum, praefentia perfonaliter conllitu- ,, ti venerabiles viri Domini Lubbertus Bolle majoris, Ro- dolphus de Yfendoren fanéli Petri, Arnoldus de Tricht ,, fanfti Joannis, Ecclefiarum Trajeétenfium PraepoHti ; E- j, verardus Foec Sanfti Salvatoris, Arnoldus Pit fanfti Petri, Petrus de Lewenberch beatae Mariae Ecclefiarum Traje- ,, ttenfium Decani; Stephanus de Everdinghen Choriepifco- ,r pus, Johannes de Tuul, Wilhelmus Bufer, Wyerusde Die- 3, penbroec, Arnoldus van den Camp, Johannes Bofinchem, ,, Andreas de Groninghen , majoris: Johannes Utenleen , 3, Bertoldus de Ruemhove, Gherardus Bicrwifch , Rycar- dus de Oy, Wilhelmus de Clivis, Danckaerdus Bays, Jo- hannes de Bromo , Erenbertus Utenleen , Ghifelbertus. Heve, Arnoldus de Emeliffe, fandli Salvatoris: Johanncs de Sleen, Wilhelmus Ram, Johannes de Compeftel, Wil- heimus Riebeec , Johannes Pugil , Nicolaus Lamberti, fanfti Petri: Fredericus deMaerne, WilhelmusZuermont, Theodericus Ruifche, fanfti Johannis: Gompardus de Er- keler , Arnoldus Vos , Henricus de Beesde, Henricus de Creyenfcot, Roedolphus Ram & Johannes Symonis, bea- tae Mariae, Ecclefiarum Trajeftenfium Canonici, in loco capitulari Ecclefiae Trajeftenfis fuper negotio infra fcripto 5, capitulariter congregati, & Capitulo aa hoc indifto, ut ,, afleruerunt. Idem Dominus Lubbertus Bolle , Decanua 5, fupradiftus, quaedam verba, nomine fuo &aliorum Prae- latorum & Canonicorum praediftorum, propofuit&dixir, quod dubitatio eflet intcr eos, quando & inquo facto fta- tuta provincialia, dudum Coloniae falubriter edita, ob- fervare deberent; tandem iidem domini Praelati & Cano- |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1405. JAARBOEKEN. 61
voegen geftraft heeft: Overdroegen Scepen, Rade
ende Oudermanne, want Henricjans Jóen vecbtelic op zinteJamkercbofaenbeerGberytPrenck Canonic zint e Jan, ende aen den Stoelmeyfler ende aen den
ftoel-
,, nici concorditer & unanimiter, pro fe & eorum Ecclcfiis
s, &per(bnis, in eiidem exiftentibus, concordaverunt, quod »> ipfi de caetero ab hac hora in antea obfervare vellent fta- ,) tuta provineialia praedifta , lecundum omnem fui teno- ,, rem , eo modo, quo hujusmodi ftatuta xxx. & XL. annos tenere & fervare ad litteram confueverunt, interpretatio- ,, ne feu declaratione alia quacunque non expeftatis : adji- cientes etiam , quod quandocunque ilicui Ecclefiae didta- ,, rum Ecclefiarum , feu perfonae fingulari earundem , feu ,> alicui perfonae ecclefiafticse, civitatis Traje&enfis fuerit 3, aliqua injuria illata , occafione cujus injuriae juxta ftatuta ,, provineialia hujusmodi injuriam concernentia,interdi£tum 3) feu ceflatio a divinis merito debet obfervari , & ipfa Ec- ,j clefia injuriata propter hoc, animo deliberandi, ceffaverit a divinis, extunc didli Domini de Capitulo hujusmodi Ec- ,, clefiae injuriatae , feu perfona (ïngularis injuriata ejusd-u? ,, Ecslefiae, ftatim indici faciet generale Capitulum, & ibi- ,, dem ejiismodi injuriam exponent feu exponet, & 6 ipfis ,, Praelatis &Canonicis diftarum Eccledarum conftiterit per ,, fafti evidentiam, vel per publicatn famam,injuriamipfam fuifle, & effe, diftae Ecclefiae, feu perfonae fingulari hu- jusmodi illatam , propter quam difta ftatuta provineialia merito debeant obfervari , extunc omnes aliae Sc, fingulae Ecclefiae ceflare debent & tenentur , & absque alia qua- ,5 cunque declaratione ceflabunt. juxta eorundem ftatutoruim continentiam & tenorem. Et fi aliqua ambiguitas vel du- bietas inter Praelatos & perfonas capitulares hujusmodi ,, Ecclefiarum praediftarum fuper talinegotio evenerit, quod illa vice difcutere nequivcrunt, utrum ceflare debeant, an non, nihilominus di&ae aliae Ecclefiae una cum praediöa Ecclefia injuriata animo deliberandi a divinis ceflare de- ,, beant , quousque fuerit per Praelatos & perfonas capitu- ), Lires difcuffum, quid in his fuerit faciendum. Super qui- bus omnibus & fingulis idem dominus Lubbertus Bolle , 3) Decanus Mnjoris , nomine Ecclefiae fuae, & aliirum Ec- }, clefiarum praediftarum , petiit fibi a me Notario publico >, fieri publica inftrumenta. Afta funt haec in loco capitula- » ii pracdifto, fub anno, iudiöione. menfe, die, hora &
Pon-
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
éa UTRËCHTSCHE 1405.
floelkynderen aldacr gemaect beeft , daert kercbof
om ontvuiet was, ende ceff'atie in tier flat of was, dat Henric voerfcreve niet tn der ft At comen en zei, hi en zei eerft tn '/ vleyfcbw gaen, ende van daer niet comen, bi en bebbe den Rade, ende den Heren van fint e Jan, ende der wederpar-t ie gebet er t blden Ra- de. Item die vyf'knechten, die op zinte Jans kerc- bof vochten, al/è Lambrecbt van der Kial^Janvan Rifènborcb , Willam Jacob Hermans zoen , Jan Toeft zoen , ende RutsRyn Stillegancmaker, Jacob zyn broeder, tegen heer Gberyt f^renck, den Stoel- tneyfter ende den ftoelkynderen , zeilen bloethoeft$ voer den Raet comen van den vleyfcbufe , ende elk van bent zei den Rade te beteringegeven 11 im fteens, ende daer mede zeilen zi qwyt -wefen van den coft van der voyinge van zinte Jans Kercbof.
Voert zeilen zi een fbnnendage over acht dagen
tfinte Jan comen onder den bomiffe, ende elc daer offeren een keerfe van vyf pont vaas, ende bidden vergiffeniffe den Deken ende den Heren.
,, Ppntiücatu , quibus fupra , praefentibus ibidem difcretis
,, viris dominis Egberto Johannis de Daventria , Tydeman-
j, no Blanckaert, Gnfti Johannis, Weflelo de Rtvenfwade ,
,, beatae Mariae Eccleuarutn Trajeftenfium fupradiftarum
,, Canonicis , & Henrico difto Croock Presbytcro Nuntio
Capituli diftae Ecclefiae Majoris, teftibus ad praemiiTavo-
,, catis fpecialiter & rogatis. Et ego Wilhelmus Buer, Cl«'
,, ricus Trajeftenfis diocefis publicua imperiali auftontatc
Notariut, praemiffis omnibus & fingulis , faepius per me
5, pofitil & confcriptis, ipfis una cum no m inatis teftibus prae-
j, fens interfui, et vidi & audivi, & in hanc publicam for-
,, naam redegi, fignoque meo folito & confueto fignavi ,
vocatus & requifitm tn tefttfsoniura emtiiun pr»emiffo-
jj rum.
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
Off
|
||||
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
JAARBOEKEN 6"<j
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
1406.
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
.
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
De Regeeringe heeft in dit jaar beftaan uit de
volgende perzonen.
Schepenen.
Volprecht van Amerongen , Borgemeyfter.
Jan Hombout.
Jan die Witte.
Willam van Mynden.
Jan Pot.
Jan Lieboert.
Jan van Lamscroen.
Dirc van der Weyde.
Willam van Winfen.
Yfebrant van der A,
Jacob van Lochorft.
Henric die Wit.
Raden.
Gheryt van Damaflche Gberyts zoen.
Godevaert die Lewe, Timan Herboort. Claes Ketelaer.
acob Vredericx zoen.
! Dirc Heer.
an Knwt.
acob van Jutfaei.
)irc Pyl.
Dirc van der A. Henric van Endoven. Gberyt Vrenck.
An.
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
||||||
|
|
<J4 VU T R E H T S C H E 1406.
Andries die Wit.
Tyraan Witvoet. Tyman van Dorflchen. Dirc Willams zoen. Claes Splinter. Wouter Grawert. Vrederic Marten. Peter Hafert. Gheryt Bolle. Jan van TyeL Willam van Vloten. Egbert Huberts zoen.
~
Oudermannen.
Willam Scadevan Tulle. » Wantfniders.
Jacob Sloyer Henncx zoen.J
Ghifebrecht van Galencoop.-» sni<jers.
Jan Knyff.
Lambrecht Peters zoen. -> gackers
Claes Gheryts zoen.
Dirc Janszoen } Molenaars.
Dirc Jans zoen die Lyndreyer.J
Marten Ouderog. , Linnewevers.
Jacob van Emeneue. *
Jacob Egbrechts zoen.-, yieyfchóuwers.
Peter Foyt.
Henric Lichtenap. -, Vifchcopers.
Henric Pouwels zoen.-»
Henric die Wit. -, Touwers.
Jacob Haeck > Louwers.
Willam die yerwer.}WoJle>
Arnt Dircs zoen. J
?T v^6' > Mersluden.
Jan die Vos. J - *
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
|||||||||||
|
|
*4o6. JAARBOEKEN. 6$
Splinter Beren zoen. T n i j
Egbert Rwflche. > Bocterluden. |
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
Weffel Zuermont. ., *-,
Riqwyn van den Velde. > Corenkopers<
GherycvanderWyerfe. 7 c , . , Gheerlof Menens zoen. > S«enbickers. |
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
A
|
n . -> ^ ., r -j t
Henric Jans zoen van Beesde > Oudewantfmdets. Timan Droem i .-, ,
Timan Walmer. > Graeuwerkers.
|
|
||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
>
Jan Jan Ghifebrechts zoen. >
Michiel Thomaes zoen. t n iu
ArntWillem Arntszoens zoen. * Bylhouwers,
Jan Scavaert. -? cmij,
ClaeSvanHaerlern/Smeden-
Jan van den Dam. -> 7 , .,
Jan van Meerlo, T Zadelaers.
In dit jaar virtde ik aangetekent in des Raads
boek des Saturdags na onzer Vrouwendag annun- tiatio , dat den Raadt verklaart , Ghifebrecht en Ernft van Herdenbroeck geboren borgefs dezer Stadt te zyn ; welke Ernft van Herdenbroeck on- der de Edelen word opgetelt.jdie aanwezende zyri geweeft,toen Biffchop Frederik van Blankenheim^ met genoegzame bewyzen en eede beveiligde * dat de hoge en lage heerlykheit van der Lede , aan het Bisdom behoorde, (i) T welk ik niet
heb
(O Ziet MattJJ. de Jufe Gla4jj,«p; in. p. 18*.
E |
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
||||
|
|
66 UTRECHTSCHE 1406.
heb willen overflaan, om dat van dit pudt Stichts
Adelyk Stamhuis noch manlyk oir en nakomelin-
fen overig zyn , van herten wenfchende , dat
ezelve ter vereeuwiging en roem van hun aan- zienlyk geflacht, nakrooft mogen verwekken.
Onder de Ridders en Edelluyden, die ten dien-
de van den Heer van Arkel tegen Holland en het Sticht opgezeten en de wapenen opgevat hadden, was Wïllem van Y/èndoorn , van wien wy hier voor verhaalt hebben, dat hy Worcum by ver- raffinge hadde ingenomen en in brandt geftoken. By dezen had zich de Jonkfrouwe van Loenre- floot begeven, en, zo gezegt wierd , was zy met hem getrouwt, Ithoon zy door den BifTchop en den Raadt der Stadt Utrecht was geflelt onder voog- dye van Huge van Loender floot (i). Waarom den Raadt vrydages na dertienden dag vcrftaan heeft, Heer Huge voorfchreve te fterken in het bezit van den huyze en de goederen van Loender floot, tot dat de Jonkfrouwe aan Heer Huge voldaan hadde 800. en 1200. oude feilden: en dingsdag na Pauli con- verfio, dat alle renten en goederen van de voor- noemde Jonkfrouwe , gelegen in den Geftichte van Utrecht , zouden opgebeurt en geheft wor- den ten behoeve van den Biflchop, de Stadt, en Heer Huge van Loenderfloot. En voorts verklaart, dat Heer Huge , wonende op Loenderfloot, zya borgerfchap niet verloren hadde , maar borger bleef; en in 't volgende jaar van 1407. dingsdages voor S. Jans dag te middezomer verftaan , dat ÏVillem van Tfendoorn, noch zyn Vrouw, noch ie- mand
(i) Volgens de oude Rechten , verbeurde eene Juffrouw,
trouwende tegen den wil haares mombers, al het goed't welk zy binnen Utrecht hadde. Ziet Utr. Place. III. Deel bladz. 278. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
1406. JAARBOEKEN. . $?
mand haren 't wegen op den huyze Loender-
floot komen zoude , teil zy by wille en toeftem- minge van den Bhlchop en den Raedt der Stadt. Deze Jonkvrouwe was genaamt Ifabella , en de cenige erfgenaam van Splinter van Loenderfloot ert Elizabetb van Zuylen , en zyri door dit huwelyk de goederen van Loenderfloot overgegaan in het ge- flacht van TJ'endoorn , en in 't vervolg gekomen aan AeMindens vanAmjlel^i) Zeerwyslyk hadde den Raadt begrepen gemelde l^illemvanTJendoorn^ die een openbare vyandt van het Sticht en de Stade Utrecht was , op den huize Loenderfloot niet te la-» ten komen > zonder bovengemelde toeftemminge* Vermits hun noch niet vergeeten was het kwaadc en nadeel, 't welk Heer Splinter uit dat fterk huis het Sticht hadde aangedaan. Welke niet dan door kracht van wapenen, genootzaakt is geweeft zich te verzoenen met Bifïchop Florens van Weve* linchoven , en debeteringe, die hy fchuldig was j wegens gepleegde geweldenaryen over te laten aan d'uitfpraak van de Ecclefien en Raadt der Stadt Utrecht , waer van Buchel gewag maakt op de aangehaalde plaats s doch omhaarelangheitniec uitgegeven heeft. Ik zal om dezelve reden alleen rnaaf hief inlafïchen 't geen zyn huis Loenderfloot betreft.
i, Want dat huys tot Loenrefloet des gheftichts
a open huys is, ende haer Splinter dat huys enen j, Biflcop van Utrecht Voertyts mit machten voet ghehouden heeft , ende van den zelven hute dicwil ghewouts in den lande ghefcietzun^daer ,, zegghenziof, dat haer Splinter, noch nyemant anders in gheenre tyt dat huys tot Loenrefloet
n vafter
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
(i) Ziet Puchel, id Hedam p.
£ a
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
68 UTRECHTSCHE 1406.
vafter noch ftarker en zullen moghen maken,
dan ze op ten dag van huden zyn. maer haer Splinter zei dat huys mitter hofftede houden ende verwaren, als dat Stichts opene huys, en- de tottes Gheftichts behoef. Voert zo zei hi voer hem ende voer fyn nacomelinghen , die dat huys befitten zeilen, den Bifïcop van Utrecht, die nu is, ende alle die namaels comen zeilen, ,, ende den Gheftichte van Utrecht , gheloven nummermeer metten hufe te Loenderflote ende van den hufe te Loenreflote teghen den Bif- fcop in der tyd , of teghen dat Gheftichte van Utrecht yet te doeninenigherwys&c. En heeft hy hier op in 't generael Capittel den eedt ge- daan 's woensdags na S. Lamberts dag 1386. De- ze Willem van Tfendoorn is naderhant den i. De- cember 1417. in den ftryt voor Gornichem ge- vangen. Ziet Veldenaef Chronyk van Hollant.
Aelbert Vierhaken en Jan van Kyn , baftaart
zoon van Gerrit van Ryn, getragt hebbende ee- nige borgers gevangen te leveren in'svyands han- den , heeft de Raadt dingsdags na Palmdag hun niet alleen het borgerfchap ontnomen,maar ook ver- klaert dezelve nooyt tot borgers wederom te zullen aanneemen; en voor vyf jaren uit de Stadt geban- nen , zo dat zy in die vyf jaren vyftig mylen van deze Stadt moeften blyven onder verbeurte van hun leven,met verbodt van zelfs niet by gelegen- heit van d'inhuldiginge van eenen BifTchop, wan- neer ballingen voor dien tyd vry geleide wierd ge- geven, in de Stadt te komen.
Ten voordeele van de openbare Stads Wa-
ge , is des manendags na Alre Apoftelen dag by klokluydinge den volke bekent gemaakt, dat gcene borgeren of onderdanen binnen hunne
huyfen
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
I4o5. JAARBOEKEN. 69
huyfen zouden mogen wegen boven vyftien pon-
den.
Het was de gewoonte , wanneer in de Stade
brand voorviel, oproer ontftont, of wanneer te- gen den vyand te velde moeft getrokken worden, de banklok, op het Stadhuis hangende, te gebrui- ken. Doch deze thans gebroken zynde, hebben de Heeren van den Dom den Raadt geleent onzer Vrouwen klok in den Domstoorn hangende, om de- zelve in de zo even gemelde gelegenheden te ge- bruiken.'t welk denRaadt des vrydags na Andree het volk heeft laten bekent maken, om, als zy die klok hoorden , te weten wat hun te doen ftont : Als mede , dat wanneer iemand ter dood zoude ge- recht worden, dat dan de groote klok indeBuur- kerk zoude luiden.
Ik heb hier voor verhaalt, dat Hertog Ael-
bert en Wilhm van Beyeren zich verbonden had- den , indien zy Hageflein en Everftein in den oor- log tegen den Heer van Arkel, machtig wierden, en de Bifïchop met onwraakbare bewyzen konde aantonen , dat die plaatfen oudtyds aan het Bis- dom hadden behoort, zy dezelve aan het Bisdom zouden overgeven. Dit heeft den Biflchop in dit jaar den 26. December plechtig verricht, en is dus de hoge en lage heerlykheit van der Lede, waar in die plaatfen gelegen waren, wederom aan het Nederfticht gekomen, (i)
Eenige handveften door Biflchop Frederik van
Blankenhelm in dit jaar aan de Ommelanden van Vollenhoven gegeven , konnen nagezien worden by den geleerden Heer Dumbar.(25
(ï) Ziet Matth. de Jure Gladii cap. xn. p, I8i»
(i) Torn. II. Analeft. p. 380.
E3 In
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
70 UTRECHTSCHE 1407.
1407.
In het jaar 1407. heeft de Regeering bestaan
uit deze volgende perzonen:
.
Schepenen.
Willam van Alendorp, Borgermeyfter,
Vrederic van Drakenborch,
Jan van den Spyegel.
Goedfcalc van Winfen,
]acob Sloyer.
Pelgrim die Wael.
Mattheus Pot.
Jonge Beernt Proys.
'Sweder van Houdaen,
Peter Rwflche.
jan van Groenewoude,
Jan van DamaflTche Geryts zoeft,
Raden.
Lodewich die Wael.
Herman Grawert.
Jan die Wael.
Willam Henrix zoen.
Hijbert Egberts zoen.
Steven van Sleen.
Claes van Loenen.
Peter die Beer.
Jan Herboert.
Jacob van Lichtenberch, Borgermeyfter.
Willam Jans zoen.
Ghifebrecht die Craen.
J^ou\yereps vap Hamerfteyn..
Hen.
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||
|
|
1407. JAARBOEKEN. 71
Henric van Luttickenhufe.
Meyfter Aernt die Brune.
Willam van Maerfen.
Aernt Huge.
Henric Vrederix zoen.
Claes Hermans zoen.
Dirc Pyl.
Jan Gheel.
Henric Pouwels zoen.
Egbrecht van Gruenenberch.
Egbrecht Jacobs zoen.
.
Oudermannen.
s
Jan van Lichtenberch. y WamftMetfc
Jan van Zulen.
Peter Jans zoen. -, Rackerg
Steven Ghifebrechts zoen/
Tan Slufeman. i ,/r ,
jan Stout. > Molenaars.
Wouter Pawe. » c_;j
Aernt [ans zoen/ S"lder!- |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
Godevaert Vrancken zoen. » T
T \\T er i f Louwers.
an WelTels zoen. J
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
Alfer
E 4 |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
|||||
|
|
UTRECHTSCHE 1407.
|
||||
|
|
|||||
|
|
Peter van Snellenberch.-» r<
Jan Gheryts zoen. > Corencopers.
Tacob Hombout » /s j «r / -j
jan Reyners zoen. > Oude Wantfmden, Hubrecht Daniels zoen. > c . HenricvanAlfen. > Steenbekers.
Mattheus Scrodekyn. > /-.
Jan van Hollant. ' ? Graeuwerkers.
Henric van Gent. , r .,
Peter Walmer. > Ryemfniders.
Aernt Willams zoen. 70,,
Herman Weflels ?oen.> Bylhou^ers- Jan Zincelbier. > c MenripTimanszoen/Smeden' Michiel Zalm., z d , WülamKye. -
Ter voorkominge dat de Stadt, reets genoeg
voorzien met geeftelyke gedichten , niet te veel door gebou\ven > tot geeftelyk gebruik opgerecht, zoude worden bezet, waar door de plaats zoude be- nomen worden voor d'inwoninge der borgerenen ingezetenen, die in tyden van noodt de Stadt niet alleen tegens kwalykgezinden konden befchermen, maar ook , zo als wy in den Arkelfen oorlog ge- zien hebbei} , hunne vyanden het hooft zouden kon- nen bieden; als mede, om dat de Geeftelyken be- weerden, zoo niet in 't geheel, ten minften voor het gfootfte gedeelte , vryheid van Stads Accyn-
feq
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
1407. JAARBOEKEN. 73
fen en fchattingen re moeten genieten, zo heeft
de Raadt daar tegen ook in dit jaar trachten te voorzien (i), en uit vreeze , dat het gafthuis in den wyngaart in der Oudelle (2) verder uitge- breit zoude worden, des woensdags na beloken Paaflchen verftaan , dat op de twee bof/leden, die Dirck Wlllam van de Heer en van Qutmunfter in pacht hadde ontfangen, noch in die huizen, die ''er te dier tyd op ftonden , of namaals op getimmert zouden worden, nimmermeer een autaer ofcruys op zoude worden gezet,maar dat zy altyt -weerlyke goeden blyven zouden. Doch dit is in 't vervolg niet zeer in acht genomen , want in dat Zufterhuis nader- hant in den jare 1484. door Biflchop David van Burgundien het kloofter van S. Brigitta gedicht is, en zyn dus deze erven geen weerlyke goede- ren gebleven. (3)
Te dezer tyd is de Broederfchap in S.Bartholo-
meus Gafthuis opgerecht(4), en is in de kerk van Jutfaas een tweede Priefter aangeftelt, en voor des- zelfs onderhout door den Heer Hendrik van Ryn zorge gedragen. (5)
Op
(i) Dit was ook OTereemkomftig met d'oude Cofturaen van
de Stadt, volgens welke niemant zyne goederen mochte ver- kopen of in aalmoefe geven aan geeftelyke luiden. Ziet Utr. Placcaetb. III. Deel p. 479. Dit hadde Willem de derde Gra- ve van Holland het eerfte in zyn gebiedt verboden in 't jaar i jz8. en is in 't vervolg door verfcheidene Vorflen tegenge- gaan , als men zien kan by Matth. Manuduft. ad Jus Cano nic. Kb. n. tjt. i.
(i) Zoo wierd genaamt de ftreek der Stadt tuffchen de Tol-
lefteeg en Wittevrouwen Poort. Ziet Buchel. ad Hedam p. 313-
(j) Ziet Matth. lib. i. Fundat. Ecclef. 24.
(<).) Ziet Matth. ibid. i. Fundat. 34..
(5-) Ziet Matth. Ibid. n. Fundat. 10.
E *c
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
74 UTRECHTSCHE 1407.
Op dat de borgers en ingezetenen, die door
wonden en andere toevallen de hulpe van een be- kwaam heelmeefter nodig hadden, niet verzuimt, maar van hnnne lichaams kwalen behoorlyk gene- zen , en tot vorigen welftant herftelt zouden kon- nen worden, heeft de Raadt in dit jaar tot Stads- heelmeefter aangeftelt eenen Jan van Hoeklem , onder deze voorwaarden:
In den y er ft én, dat Meyfterjan der Statnieyfter
sae/èn fal, al f o lange als hi in levenden live is, en- de fel doen allen, dat een goet Cyrurgyn fculdich is te doen. Ende die Raet van der Stat fel hem alle jaer, alfe die Raet geft alleer t is, twe mannen van boeren rade bi zetten, die de wonden met bem be- flen feilen, ende Meyfter Jan fal bi den tween fyn hen eyffchen ende overdragen , ende die t-we feilen bem fyn loen wtrecbttn , gelike zi overdragen wa- ren van onfen borgeren ende onderzaten na geiaoen- te der Stat van Utrecht.
Item/al die Raet van Utrecht Meyfterjan ende
finen kynderen, die hi nu beeft, borgerfcap geven , ende ter doeken ixtluden, jo wanneer bys begeert.
Item fal die Raet van Utrecht Meyfler Jan jaer-
lix geve tot fynre pen/toen zeflien engeljcbe nobe- /e»(i) ,ende daer toe acbteellen groetpleynslakens, die de Stat hem mit eeren gheven mach, ende voer fyn voederie daer toe twe engeljche nobelen.
Voert fal Meyfterjan mit ten rade varen fowaert
die Raet begeert, fonder ar gelift.
Voert felmen defe voirfcreve voirwaerdeopenbaer-
liken lefen voer den Raet van der Stattende dat felmen
fcri-
(i) Van de onzekere waarde der Eugelfche nobelen ziet
Matth. i. F'undat. Ecclef, 34.. naderhant vind ik , dat aan Stads Heelmeefter toegelegt is boven de kledinge vyftig ponden Stads pay jaarlyks , Donderdags til Conceptie Mariae 1417. |
|
|||
|
|
|||||
|
|
JU
|
||||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
1407. JAARBOEKEN. 75
fcrk'en in der flat boec,endedaerfelmenMeyfier Jan
een wtfcbrifi of gheven, milter Stat clerckenhant gejcreven,endedie clerck /aldaerfyn fegei op druc- ken, datter fyn hant is.
Voert [o lal Meyfterjan alfo vry wcfen van allen
lafl ende dienft, geliken onze 81 at den.
Ik heb hier boven op 't jaar 1402. aangete-
kent, dat de Raadt ter vercieringe hunner Stadt, en ter voorkominge van brandt,hunne borgersen ingezetenen hadde aangezet tot het afbreeken van hunne ftrooye daken, en zelfs daar toe uitgelokt on- der toezegginge van tegelen om niet, en leyen voor een gedeelte , daar toe te zullen geven. Doch het fchynt, dat van deze gunft weinig ge- bruik is gemaakt, en dewyl het echter nootzakelyk was, dat de huyfen met harde daken wierden voor- zien , en vooral die, welke in de meed bebouw- de en bewoonde plaatfen van de Stadt ftonden, zoo heeft de Raadt op finte Peters avond ad vincula geboden , dat de ftroodakken van alle de huyfen ftaande aan beide de zyden van de Limmerch (thans de Lynmerkt genaamt) van de Zadelftraat en van de Botterftraat binnen een groot jaar moeften wor-* den afgenomen , en met fteenen daken gedekt; of dat anders de Raadt die zoude doen afbreeken; en dat de huizen zo lang ongedektzouden blyven, tot dat ze met fteen gedekt waren.
Eenige voorname onderdanen van den Heer van
Arkel door Hertog Wïllem van Beyeren met ga- ven en gefchenken omgekocht zynde , hebben eerft den zoon fFïllem van cirkel tegen den Va- der opgehitft ; doch deze , buiten hun weten , met den Vader verzoent zynde, hebben zy zoo wel den zoon als den Vader inde Stadt Gornichem niet Willen inlaten , maar Hertog Willen, na dat hun
tach-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
7ó UTRECHTSCHE
tachtig duizent kronen (i) tot loon hunner verrade-
rye betaalt waren , ingehaalt, en tot Heer van .Arkel gehuldicht. Doch Hertog Wïllem weder- om naar Holland vertrokken zynde,is kort daarna Wïlïem van Arkel door krygslift meefter van Gor- tiicbem geworden, en heeft de Hollanders uit de Stadt gejaagt. Waarom Hertog Willem een mach- tig heir by den anderen verzamelt hebbende, voor Crornicbem zich heeft gelegert, en getuigen een- parig alle onze Vaderlandfche gefchiedfchryvers, als Heda, Gouthoeven, Pontanus, Slichtenhorft, Voffius, Kemp en anderen, dat de Utrechtenaars door Hertog JVillem van Beyeren zyn verzocht, om ter zyner hulp in 't veld te komen en de Stad Cornichem te belegeren , 't welk te meer nodig was, om dat den Hertog van Gulik en Gelre met veel Volks tot hulpe van den Heer van Arkel was opgezeten. Doch , fchoon Heda , bladz. 268. beveftigt, dat zy aanftonts met die van Vianen ge- komen zyn, zoo vindeik echter niet in onze Raads- boeken van dit jaar eenig het minfte gewag van
dit
(i) Zo verhaalt Kemp. Doch Voffius lib. xv. Annal. zegt
dat zy tot vergoedinge hunner fchade, die zy uit dezen oor- log zouden lyden, bedongen hebben hondert duizent Fran- fche kronen. Andere Schryvers verhalen, dat Jonkheer Wil- lemtian Arkel alle moeite te vergeefs by zynen Vader aang«- went hebbende ter afradinge van den oorlog, zich met de voornaamfte en rykfte inwoonderen van Gornichem hadde ver- bonden om vrede te maken, in weerwil van zynen Vader mee Hertog Aelbert en zynen zoon Wïllem* Doch dat de zoon buiten hunne kennifle met zynen Vader verzoent zynde,zy eerft afgezanten gezonden hebben aan Hertog Reynout van Gelrtf doch by die geen gehoor krygende, dat zy gezonden heb- ben eenigen uit den haren aan Grave Willemvan Ooftervxnt, die met hem over een gekomen zyn, dat zy Gornichem en 'Leerdam niet de floten hem overgeven zouden, en dat hj kun befchermen zoude tegen de Heeren van Arkel. |
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
I4o8. JAARBOEKEN. 77
dit verzoek van Hertog Wïllem, of dat zy te vel-
de zyn getogen. Ook is kort daar na door toe- doen van Jan van Beyeren, gekoren Biflchop van Luyk, broeder van Willem, een beftand voor twee , of, zo Heda getuigt, voor drie jaren ge- maakt, en den Heer van Arkel in het bezit van Gornichem gebleven.
De Raadt heeft alle hunne borgeren en onderda-
nen by klokluidinge des Saturdags op S. Lamberts dag verboden konynen te fretteeren in Eemlant, of op de heyde tuffchen deze Stadt en Amersfoort, zynde des Biflchops warande, onder bedreiginge van boven de beteringe aan den Bifïchop , het fcherpelyk aan hen te zullen rechten.
In dit jaar is Kuynre aan den Bilïchop opgedra-
gen. (2)
1408.
In dit jaar heeft de Regeering beftaan uit de-
ze perzonen :
Schepenen.
Jan Pot, Scepen Borgermeyfter.
Jan Hombout.
Gheryt Vrencke.
Volprecht van Amerongen.
Jan Lieboert.
Willam Schade van Tulle.
Jan van Lantscroen.
Dirc van der Weyde.
Jacob Sloyer Henrix zoen.
Claes Sloyer.
, Henric
(i) De brief daar van it te vinden by Dumbar torn. u. A»
naleft. p. j8f. |
|
|||
|
|
|||||
|
|
||||||||
|
|
78 UTRECHTSCHE 1408.
|
|||||||
|
|
||||||||
|
|
Henric Witte.
Claes van Loenen. |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
Raden.
|
|||||||
|
|
||||||||
|
|
Wouter Gr awert Bof germeyftef.
Gheryt van Damaflche.
Godevaert Spiker.
Peter Foeyte.
Henric Lichtenap.
Jacob Haec.
Willam die Verwer.
Tiraan Herboert.
Claes Ketelaer.
Godevaert die Coninc.
Willam van Winfen.
Henric van Endoven.
Jan Vrancken zoen.
Andries die Witte.
Roeloff die Kraen.
Bertelmeus Glaesmaker.
Evert van Strimoet.
Timan Witvoet.
Willam van Vlueten.
Jan Gheryts zoen.
Claes Splinter.
Jan Schavert.
Ggbert Paelvoet.
Jan Knwt.
Oudermannen.
Vrederic van den Spieghel.} WandhideM§'
Jacob van Lochorft. Jan Knyf. » <j
Ghifebrecht van Galencoep/ '
Hen,
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
|||||||
|
|
H08. JAARBOEKEN.
Henric Spiker. -> n ,
Jacob Scrodekyn.>Backcrs-
Dirc Tans zoen. > ,» ,
Dirc van der Woerde.>Molenaers-
Jacob van Emenefle. 7 T .
Jan Louwerens zoen. > ^mnewevers.
Jacob Egbrechts zoen. 7 ,r. r,
Jacob Vrederix zoen. > Vleyfchouwers.
Henric Pouwels zoen.-i ,r.r ,
Dirc Heer. } ^fchcopers.
Henric die Wit Jans zoen. , T
Jan die Witte Vrancken zoen. f bouwers.
Peter Hafert. T r
Peter Jacobs zoen. > W<>Uewevers.
Vrederic Trinde.->
Aernt van Cleve >
Jacob Herboert. T
Henrik van den Slyck/
Vale van Goudenberch. -> ^ ,
Claes Buer. > C°rdewaniers.
Herman Scout. r ^
Marten Mathys zoen. ^ °«decordewaniers.
Ysbrant van der A.
WeOel Zuermont.
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
Keyfer Peter Jans zoens zoen.T c
Willam van Boelre. > Sceenkckew.
Jan van Tyel. T r» j r
Florens die Witte > OudewantfnideK'
Timan Walmer. -> ^
Timan Droem. > Graeuwerkers.
TimanvanDorsfchen.-i r>- r -j
DaemvanderMaet.>Rlerafmders- Michiel Thomaes zoen. -> D ,,
Ghifebrecbt Schade Dircx zoen. * Bylhouwe«-
Peter
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
\
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
|||||||
|
|
8o UTRECHTSCHE 1408.
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
Peter Scrodekyn.-» r, .
f r j TV/r r Smeden. Vredenc Mareen.J
Jan van Meerlo. -> yn , ,
WillamdieHaze.>2adeIaars' |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
Uit de uitfpfaak , die de Stadt Utrecht met de
drie Overyflelfche Steden in 't volgende jaar ge- daan heeft, over de gefchillen tuflchen den Bif- fchop en de Stadt Amersfoort blykt, dat in dit jaar Jacob Vrederixs zoon en Timan Walmer overfte Oudermans zyn geweeft.
De Raadt der Stadt akyt waakzaam ter bevei-
liginge van hunne Stadt, borgers en inwoonderen, en derhalven wetende 'er veel aan gelegen te zyn, dat de bewaring der floten van het Neder- fticht (i) niet wierd aanbevolen dan aan die gee-
nen,
(i) De eigentlyke floten van het Nederfticht zyn geweeft
Ter Horji , Stoutenburg, of het huys ter Eembrugge , en Vreelant.
Ter Herjl, dicht by Rhenen gelegen, was geboiwt door
Biffchop Godefried van Rhenen, ter beveiliginge van dat ge- deelte des Nederftichts tegen de Gelderfchen , als Hedaen Be- ka in de levensbefchryvingen van dien Biffchop getuigen, en ia in den Burgerlyken oorlog tuffchen Biffchop Hetidrik van "Beyeren en de Stadt Utrecht door de Gelderfchen , die de Stadt Utrecht byftonden, ingenomen en vernielt, zyndeeen gedeelte der fteenen gebruikt tot opbouw der muuren van de Stadt Rhenen, en naderhant de overige t'Utrecht gebracht, om daar mede het kafteel Vredenburg op te metzelen. Dit kafteel was voortyts verpant aan Heer Hubrecbt Schenckt van wien Biffchop Jan van Arkel het zelve geloft heeft, ziet Matth. t. vi. Anal. p. ifi.
Stouteniurgb heeft eertyts toebehoort de Heeren van A-
mersfoort, die in't vervolg van tyden zich niet zo zeer//e«» ren van Amersfoort, als Heeren van Stoutenburgb , om dat zy bezitters Waren van dat kafteel, hebben laten noemen. Doch is 't zelve in den jare 1348. door Évert van Stouten- lnrgh aan de Utrechtfche kerk overgebragt. Ziet Matth. de
Jur«
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
||||||
|
|
JAARBOEKEN. 91
nen, op wier trouwe zy ftaat konden maken, heeft
des fondags na Pauli converfio befloten , dat van def'er tyt voert gheen man op ter Geftiebts flote van Utreebt zitten en zei aen deze zide der Tffel ehde daer Caftellein op wefen , bi en zei eer ft tien jaer lanck borger geweeft hebben. Ende dit en fel nye- mant aflaten ofte doerfien tot eniger tyt y ofte eniger ander fake wille, (i)
Scho-
Jure Gladii cap. lx. naderhant verpand zynde aan Atrnt van
Ïfe/Jiein, heeft Biflchop Jan van Arkel 't zelve geloft in 't jaar 134?. ziet Matth. t. vi. Anah p. zfi.
Het Huis ter Eem heeft geftaan te Eembrugge 3 en is in
den jare 1481. door de Utrechtenaars afgebroken en ver- brant. Ziet hier van Verhoeven uitgegeven door Matthaeus in zyn boek Rerum Amorfort. Scriptor, p. xxxv. & feqq-
Van Vreelant hebben wy hier voren bladz. xxi i. gefproken.
Waar by alleen noch moet voegen , dat Biflchop Jan van Vernenburcb in 't jaar 13.63- het kafteel Vreelant verpand heeft aan de Stadt Utrecht, en haar de inacht gegeven heeft daar eenen Maarfchalk op te zeten. Ziet den brief by Matth. ii. de Nobil. ipi 't welk opk gefchiet is. Ziet Matth, de Jure Gladii cap. xvn.
(i) Schoon de zo evengemelde vier (loten veeltyts tot een
yerblyf voor de Maarfchalken verftrekten, die, alhoewel door den Biflchop aangeftelt, echter door de Si aten moeften worden goetgekeurt ,en van dezelve met behoorlykelaftbrieveri voor- zien , en zo wel zich met eede verbonden aan de Staten, als aan den Biflchop, gelykerwys men zien kan byMatth.de Jure Gladii cap. ix. p. n f. & p. 138. zoo waren de floten boven dien noch voorzien metCafteleynén,die dezelve moeften be- waren ten dienfte van het Nederfticht. En deze moeften Utrechtfche borgers zyn: dus vind men C/aas van Loenen in 't jaar 1421. als Caftellein van 't huys ter Horft, en in yt jaar 1426. Herman van Steenre, als Caftellein op het flot Stou- tenburg vermeit. Ea had reets Biflchop Jan van Arkel by «enen bezegelden briev, gegeven in 'tjaari3f+. (te vinden by Matth. lib. n. de Nobil. 19. p. 354. en de Jure Gladii xix. p. 331.) voor hem er) zyne nakomelingen zich verbon- den op het huis \er Eembrugge niemand, dan die jaar en dag borger t'Utrecht was geweeft , en in die Stadt j of in deii lande van utrecht v/el gegoet w^s," te zetten.
F* Doch
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
ga ÜTRECHTSCHE 1408.
Schotanus in zyneVriefche Hiftorien het vn. boek,
en Boxhorn in zyne Nederlandfche Hiftorie bladz. 135. verhalen , dat in dit jaar oorlog zoude ge- weeft |
|
||||
|
|
||||||
|
|
Doch buiten deze vier voorname floten , waren noch in
het Nederfticht verfcheide floten en adelykehuizen,die door hare fterkten plaatzeu van tegenweer waren, welke ope flo- ten des Geftichts waren , en voor des Geftichts volk open moeiten ftaan, als, Abcoude , DuurJIede, Laenrejloot, Amty- de) Nyevelt, Ouden Gbeyn, 't Huis ten Ham en andere.
De Regeerders der Stadt Utrecht zyn ook altyt zeer oplet-
tende geweeft op de bezitters van kafteelen en fterke huyzen in het Nederfticht , om dat door dezelve de borgers en in- gezetenen der Stadt veel kwaadt konde worden toegebragt, zoo in het bezit en gebruik hunner goederen, die zy ten plat- ten lande hadden, als in het dryven hunner koopmanfchap- pen : ook kond e door dezelve de toevoer van levensmid» delen tot de Stadt zeer belemmert worden. Hier van moet men afleyden de belofte van Biffchop Jan van Arkel, ge- daan in den jare i jjf. waar by hy zich verbint het huys ten 0»den Gheyn, eertyts fterk, maar naderhant in de oorlgen tegen Holland en voor al met de Heeren van Yflelfteyn, deerlyk gehavent, te verleyen op eenen borger, dien de Stadt Utrecht daar toe kiezen zal, ziet Matth. ui. de Nobil. t. Ik vind ook, dat Fredrik van Uten Hamme en zyn zoon f eter zich verbonden hebben met zyn huis Ten Hamme, gelegen tuffchen de Dorpen Vleuten en Harmelen , tegen den Biffchop of de Stadt Utrecht nooy t iets te doen, dat vy an- delyk zoude zyn. Welke briev , tot noch toe niet gedrukt, en in ons Stadhuis te vinden, aldus luid:
Allen den ghenen, die defen brief zoellen zien, of horen
lefen, doe wi verftaen Vrederic Vten Hamme, ende Peter \Jten Hamme , Ridders , dat wi gheloeft hebben end« j, gheloven in goeden trouwe onfen lieven heer, heren Jo- hanne van Arkel, Biffcop t'Utrecht, ende der Stadt van j, Utrecht , dat wi nimmermeer teghens hem doen en zuel- ,, len mit rade noch mit dade, mit onfen hufe ten Hamme, ,, bi onfen wille ofte confente. Alle defe voerfcreve pun- j, ten gheloven -wi Vrederic ende Peter Ridders voerfcreve voer ons, ende voer onfe erfnamen, vaft ende ftede te ,, houden mit goeden trouwe fonder arghelift. In orcondc ,, des brieft befeghelt mit onfen zeghellen. Ghegheven in j, 't jaar ens beren dufcnt dre hondert zeven ende viertich
» °?
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
I4ö8. JAARBOEKEN, 83
weeft zyn tuffchen Biflchop Frederik -oan Blonken*
beim en de Vriefen van Stellingwerf, Schoelandt en Cefterzoger landen, en dat door een uitfpraak
vaa
,, op fïnte Peters avont ad cathedram. Ziet ook't geen wjf
boven bladz. 67. van den huize Loenderjloot hebben aangc- tekent.
Zoo was al in 't jaar ijfz. Biflchop Jan v«n Artttl met den
Raadt der Stadt Utrecht overkomen, dat zy, om te verhoeden de fchade, die het gemeene Landt en de Stadt Utrecht door het bouwen van fterke borchten, zoude konnen overkomen, in 't vervolg zoude beletteu het timmeren van fterke kafteeka en huyzen , waar door het land en de ftadt by vervolg van tyden onheil zouden konnen worden toegebracht. De briev daar van , myns wetens tot noch toe ongedrukt, en op on» Stadthuis te vinden, is van dezen inhout:
" WJ Johan bi der ghenaden Goeds BilTcop t'Utrechtj
,, Borghermeyfters,Scepene,Raet van den ouden rade ende j, van der nyewen der Stadt van Utrecht > doen te weten al- j, len luden, die dezen brief zeilen zien of horen lezen« dat wi om te verhoeden ende te fcutten alfucken onraet, ,, laft ende oerloghe , ah ons ende den ghemenen lande ,, voermaels ghevallen is, overmids ftarcken borghen ende veften , die in den lande ghetytnmert hebben gheweeft, ,, in een ghedraghen zun male mitten anderen, of yemant ,, ware, die enighe borghe of hufe, of ander vefte, binnen ,, den lande van Utrecht op deze zide der Yael, daer Ut-recht ,, ftaet, alfo ftarc tymmerden, maeften ofte veften, dat on* ,, dochte , datter onfer enighe, of den lande , onraet, lafte ,, of oerloghe of comen mochte, dat wi dat eendrachtelyc ,, verbieden , keren ende wederftaen zullen, elc na zunre ,, befte machte. Ende waert , dat onfer enighe, om d«f« ,, tyromeringhe te keren , laft ofte oerloghe quame , d»t j, zullen wi raak mitten anderen wtdraghen na alle onzen j, vermoghen. In orcónde deler dinghen, fo hebben wi J-thatt j, Bilfcop voerfz. onzen zeghel , ende wi Borghermeyfter» , ,, Scepene ende Raet voerfcreve onfer Stat Zeghel v<p Utrecht 3, «en dezen brief ghedaen. Ende defer brieve fun twe al* j, leens (prekende. Ghegheven in 'tjterons heren dufent dre hondert twe ende vyftichj des manendaghes na onfet j, Vouwen dach nativitatis.
Dit voorbeelt hebben de Overyflelfche Steden t>eve»ttr
C*m$e» «n Sivol in d«n jare 1381. nsgevelgt t en zyn met
F 4 Bifit
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
84 UTRECHTS C HE 1408.
van fegsluyden, de onluften zyn geftilt. Welke
uitfpraak by Boxhorn (i) kan nagezien worden, en waar uit men opmaken kan de inkomften , die de Biflchop van Utrecht uit die landen trok. Het fchynt, dat de verfchillen ontftaan zyn tuflchen de amptenaren des Biflchops, en de bezitters der lan- den aldaar gelegen, over de cynfe, dien zy jaar- lyks aan den Biflchop moeden betalen , zul- lende de eerfte aan knevelaryen , en d'ande- re aan wanbecalinge zich fchuldig gemaakt heb- ben , en dat die verfchillen tot feytelykheden zul- len gekomen zyn , zonder dat openbare oorlog geweeft zal zyn, dewyl Heda daar niets van melt, maar zal het volgens de taal van die eeuw maar eene fcbelinge geweeft zyn.
In dit jaar fchynt 'er fchaarsheit van koorn ge-
weeft te zyn , om dat ik vind door den Raadt verftaan te zyn, dat geen koornverkoper zyn koorn mogte verkopen aan iemant, binnen de Stadt pf Stadts vryheit wonende , die dat koorn we- derom
JtiftchopF/orensvan Wevelinchoven over een gekomen,dat geen
fterktens in Zalland zouden worden gebout, ziet Revius li b. i. Hift. Daventr. p. 84.. en den naarftigeri onderzoeker van de va. derlandfche Outheden, den Heer Dumbar tom.ii. Analeét. p. 316. en Hiftorie van Deventer iv.boek zz.Hooftft. p f6o. die op de volgende bladzyde voorden dag brengt eenen briev, waar by dezelve Biflchop belooft heeft aan de Stadt Deven. ter, geenen anderen Cafteleyn op het huis te Holte te ftellen dan eenen borger van Deventer.en bladz.ózz. eenen briev, waar by 'fan -van Jjucborjl in 't jaar 1391. zich verbint met zyn huis nooyt fchade te zullen doen aan den Biflchop en het Sticht, (ziet ook Dumb. t. n. Analeft. p. 357.} en bladz.éz^.. eenen briev gegeven in 't jaar 1393. waar by Biflchop Fredtrik van B/ankeaheim belooft geenen Caftelein te zullen ftellen op het huis te Diepenheim, dan met voorkennifle der Steden Deven- ter , Campen en Zwol, (i) En Dumbar torn u. Analeft. p. 390. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1408- JAARBOEKEN. 85
derom verkopen wilde. Zoo nochtans, dat zy des fè-
turdags openbaarlyk aan een iegelyk mogten verko- pen 7.0 veel als de koper voor zich nodig hadde ; ook aan de Bakkers wekelyks zo veel, als zy in die week bakten, en niet meer: onder verbeurte dat die geene welke het tegendeel deede in geen jaar koorn zoude mogen kopen of verkopen.Hier door wierd zorg ge- dragen,dat'ergeen gebrek van koorn in deStadtzou- de zyn, en 't zelve niet buiten de Stadt wordea vervoert. En dat dit de ernftige meninge van den Raadt zy geweeft, blykt uyt de ftrafoeffeninge gedaan aan Beernt Proys de jonge, zoon van den Schout der ftadt, welke koorn gekocht en op het flot t' Abcoude gebracht hebbende, is veroordeelt den Rade om vergiffenifTe té bidden, in den Ra- de (i) tot Vrouwe LichtmifTe aankomende niet te verfchynen, en de ftadt ter beteringe te geven iooM. fteens.
Niet alleen heeft de Raadt den zoon van den
Schout, Schepen zynde ., niet verfchoont ; maar den Schout zelfs tegen desRaadts verbod aangaande geftraft. Aanmerkelyk zyn de woorden, welke ik geboekt vinde's Woensdags na Ponciani. Die Raet van der flap out ende nyefyn overdragen, want die Scout gebruejfy heeft boven 's Raet s verbot in den fake tujfcben fyesbeec ende Breder ode, daerom ishi
fecomen vo'er den Rade out ende nywe op ter Stat-
uys vat Buerker<;k bloets boef;s, ende beeft den Ra- de verghiffenis gebeden, ende heeft oer v e de (2) ge- daan in teghenwoirdicbeyt V raets voerfcreve,hioft
nye-
(i) Hy was in 't vorige jaar 1407. tot Schepen aangeftelt,
en hoorde dus onderden ouden Raadt.
(i) Qervede. Was een plechtige eedt, die de veroordeelden
deden aan den Raadt, van wegens het gevelde tonnis nie-
F r, mant
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
16 UTRECHTSCHE 1408.
nytmant vanfynre wegen, daerótn yemant te mif-
flosn ende blfel den rade te beier inge geven Uc- LM, |
|
||||
|
|
||||||
|
|
Wat do zaak tuflchen Gaesbeeek en Srederode,
waar van hier gemelt word, aangaat, zoo dien t tot ophelderinge , dat de laatfte Heer van Abcoude, Willem&t ook Heer van Gaajbeeck en van Wyk was, omtrent dezen tyd geftorvenis,zonder mannelyk oir, nalatende eene dochter, Jobanna welke voortyds getrouwt was aan Jan van Breder ode. Deze Jan niet genoeg hebbende om prachtig te konnen leven, pad zyne vrpuw, genoegzaam tegens haren wil be- praat
mant te mifdoen of door andere doen mifdoen, riet Matth.
torn. H. Analeö. p. 73. en IV. de Nobil. j$. en den Heer Durabar torn. II. Anal. p. 390. eninzyn Kerkelyken Wereld- }yk Deventer blads. LV/. Voor «l wierd dit afgevergt van die geene welke uyt de gevangeniffen ontflagen, en de uadt ont- zeit wierden: 't welk dikwils zullende voorkomen, hebbe ik nodig geoordeelt het Formulier daar van, in een out be- fchreven boek gevonden , alhier op te geven.
Allen den genen, die defen brief feilen flen of horen
Icfen , doe ie A. verftaan, dat ie belie endc bekenne, dat ie mit roynen vryen moetwille geloeft, gewilkoert ende ,, gefeksrt hebbe , gelove, wilkoer ende feker mit defen orieve, by mynre trouwe, ere ende fekerheyt, ende heb ,, dair toe myn hant op defen brief geleyt, ende lyflic then ,, heyligen gezworen mit hande, mit monde, mit opgereg. ten vingeren, ende tnit volftaefde ede aen handen des Raets van Utrecht, ah dat ie nimmermeer, alzo lange als ie leve, ,, doen en fel noch doen doen, ie, noch nyemant van mynre ,, wegen, heymetic noch openbaer, in geenrewys , tegen der ftat van Utrecht, nochhoere borgers, noch onderf». ,, ten, noch nyemant anders, die ie betichten of befchuldi. ,, gen mag irt eniger wys, roerende van der vangenifle, dat ,, ie t'Utrecht geweeft, ende op finte Katrine Poort &c. >» gel£gen hebbe. Voert fo heb ie noch gewilkoert op myn lyf, dat ie binnen twee of meerder jaren naeftcomende ,, bynnen der Stat van Utrecht ofte Stat vryheytniet comen en feil 5 ende dat ie e«tl myle omgaent vaq der Stat bliven |
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
I40& JAARBOEKEN. 87
praat om Nonne te Wyk te worden , en hy had
zich in een Karthuifers kloofter begeven, Doch de tydingevan zyn fchoonvadersdootkrygende, fmyt hyzynen Monnikskap weg, komt heimelykmetee- nig volk te Wyk, neemt zyne Vrouw wederom tot zich, en tragt zich in het bezit te ftellen van de goederen dgor den Heer van Abcoude nagelaten, Doch de Biffchop hier van kennifle krygenoe, zent eenig krygsvolk naer Wyk, krygt^" "oan Breder ode gevangen, en ontbietden Jonkheer van Gaesbeek^ als naafte erfgenaam, wien hy Wyk overgeeft en verleyt met Abcoude* (i) Het fchynt, dat de Raadt niet
gewilt
,, fsll, ende tenden den jaren voirfcreve oec niet naerre der
3, Stat van Utrecht comen en fel, dan een miele voerfcreve, ,, ten fy by confente ende wille des Raets der Stat van Utrecht voirfcreve. Ende wairrfake, dat ie dit niet en hielde, 5, ende in enige punten gebreckelic worde, dat God verhue- den moet, fo bekenne ie my felve fekerloos, trouweloos, eerloes, ende meyneedich, ende verwonnen te wefen van allen rechten, ende daer toe myn lyf verboert te hebben, ,, ende bidde alsdan alle Heren, Vorften, Stat, Steden, ,, Baeluwen, Scout, Scepenen ende rechteren , daer ie on- dergehoudsn ofte bevonden fel werden, dat fy dat aen myn lyf rechten willen, gelikerwys of ie defe willekoer, ,, loffenifle ende fekerheyt voir hem in den gefpannen rech- ., ten gedaen hadde , fonder argelift. Inkennifle&c.
Door het doen van defe Qirvtede zorgde ds Rege«ring ,
dat haar in 't vervolg van tyd , van de veroordeelden, of uitgewezenen en ballingen geen nadeel konde worden toege- bragt. En hebbe ik in libro Rofae p. 81. vf. (zynde een out gefchreven boek beruftende in onfe Stads Secretarye) gevon- den: enicb man die ttrvedich wacr der Stat van Utrecht, ende z,yn oervede brac, die vertucrde zyn lyf. Doch wy zul. len in 't vervolg voorbeelden vinden van menfchen , die zich weinig aan dit krachtig verbandt en eedt hebben geftoort, en niet gefchroomt hebben hunne oervede te breken.
Dit doen van oirvede is naderhant door Keffer Karel by zy-
ne Ordonnantie, te vinden in het Utrechts Placcaetb. III. deel p. 320. afgefchaft.
(i) Zoo verhaalt het Hed» bladz. «68. Doch Joh, a Leydis
F 4 van |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
^88 UTRECHTSCHE 1408,
gewilt heeft, dat hunne borgeren of onderzaten zich
deze zaak 3ouden aantrekken, ofwel, dat zy meer gunfte aan den Heer van Brederode, dan aan den Heer van Gaasbeek heeft toegedragen. Want ik vinde in het Buurfpraak boek, twee jaren daar na, te weten in het jaar 14*0. des woensdags na Tiburcii, De Raetgebiet BeerntProeys den Scout, dat by voer onfen Rade ter antvooerde coem tuffcben dit ende een woemdage naeftcomende. En fwoens- dags na Exaudi, Want Beernt Proeys boven verbo- de fr acts out ende nye gereyfl heeft, ende bewintge- badt beeft mitten 'Jonchecr van Gaesbeec, ende in fmen dingen, daerom heeft hi verboert vyfiicb pon- den ende [yn borgerfcap, ende die Raet neemt hem
fyn
t
van de daden der Heeren van Brederode by Matth,. torn. II.
Anal- p. 333. en de Heer Paulus Voet kort verhaal der door- luchtige Heeren van Brederode bladz. 63. fchryven, dat Heer ReinoHt van Brederode in 't jaar 1390. is overleden, en dat zyn outfte zoon Diderik 's jaars te voren in 't Carthuyfer Kloo- fter te Dieft in Brabant zich begeven hebbende, de tweede zoon J<*» hem wasopgevolgt, en dat zyne Vrouw in 't jaar 14.01. in het Nonnekloofter te VV^k-, 's jaars te voren gefticht, gegaan is, zonder byvoeginge dat zy tot dat beflu.it onwillig zoude gekomen zyn , en dat "Jan een Lekebroeder in het Kloofter der Karthuyfers t' Utrecht geworden zynde, na de doot van zyn Schoonvader , oirlof verkregen hebbende van, den Paus om zyne order te verlaten , verzocht heeft zyne Vrouw wederom by zich te hebben, doch dat, de Biffchophem zulks weigerende, hy met enig volk te Wyk gekomen is,en zyne Vrouw uyt het Kloofter gehaalt heeft : dat de Biflfchop dit horende met volk naer Wyk gegaan is ende Stadt ingenomen, heeft: en dat fan van Brederode in de gevangenifle gelegt, en zyne Vrouw wederom in 't Kloofter gebragt is, in 't welk zy 's jaars daar aan uyt hertzeer en verdriet is geftorven, wanneer Jan losgelaten zynde, naer Vrankryk is getogen en aldaar in eenen VeldfUg tegen de Engelfchen is gebleven: en dat dus. de goederen van den laatften Heer van Abcoude zyn gekomen aan J.tcob van Gaesbeek, zyn broeders zoon. |
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
i4o8. JAARBOEKEN. 89
fyn borgerfcap. (i) Waar uit blykt, dat de Schout
voor den Heer van Gaesbeek, en dus tegen den Heer van Brederode geweeft is.
De Raadt heeft ook in dit jaar het gatal van hun-
ne Schutters bepaalt, en gewilt dat'er maar vier hondert wezen zouden, (2)
Op dat de Stadt zinlyk zoude gehouden, en voor
al ftadts bruggen, trappen en wedden van flyk en andere vuiligheit zouden omkat blyven, was de
Raadt
(l) Dewyl zommige lezers niet zullen konnen begrypen,
hoe de Raadt zodanig eene rechtsoeffeninge over den Schout der Stadt heeft konnen en mogen oeffenen, zoo moet ik korte- lyk aantekenen, dat, fchoon de Biffchopden Schout aanftel- de, hy niet mogte noemen wien hy wilde, maar was de aan- rtellinge onder anderen mede bepaalt inzo verre, dateenBifc fchop volgens den eedt, dien hy by zyne inkomft aan den Raadt gedaan hadde,(waar by hyzich verbonden hadde alleStadts rech- ten , voorrechten, vryh'eden &c. te zullen hanthaven ) geenen Schout mogte aanftellen , dan een geboren borger. Ziet U- trechts Placcatb. III. deel p. 20r. Moeft derhalven de Schout een geboore borger zyn, zoo was hy ook onderhevig het rechrsgebiedt van den Raadt, die van alle oude tyden af over hare eige borgers en ingezetenen heeft geoordcelt, ja tnogt zelfs een borger van Utrecht nergens dan voor den Raadt der Stadt Utrecht te recht geflelt worden. En dat de Raadt der Stadt niet alleenden Schout over gemeene mifdaden , maar ookwanneerhy verzuimig was in'twaernemcn van zynen plicht, geftraft heeft, blykt uit de Ordonnantie op het timmeren van den jare 1373- te vinden in 't Utrechts Placcaatb. III- deel bl. 284. waar by de Schout, indien hy volgens derzel- ver voorfchrift niet handelt, in eene geldboete verwezen word. Ziet ook p. 289. En dat de Schout van den Raadt is berecht en beftraft, zal ons in 't vervolg meermalen voorkomen, en wy het op die jaren, in welke wy'ergewag van vinden, mel- den.
(i) Het Schutters collegie beflont uyt zeker getal van men-
fchen, die zich in de doelens oeffenden met boog en pyl,en eens jaarlyks naer eenen opgerechten Papegaay fchoten,en die dezel- ve trefte wierd Koning der Schutten genaamt,en veel eer bewc. zen. Ik zoude hier wel meer van aantekenen,doch het wc-
F zent
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
___
|
||||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
90 UTRECHTSCHE 1403.
Raadt gewoon aan zomrnige het Borgerrecht om
ftiet te geven, mits zekere bruggen, trappen en wedden, ja zelfs ftraten, aafdochten en andere pu- blyke plaatzen fchoon houdende, en zuiverende van alle onreinigheit op hunne koflen: zoo vinde ik jn dit jaar verfcheide met het Borgerrecht begiftigt te zyn onder de voorgemelde voorwaarden. Deze borgeren wierden genaamt Slykborgers> en waren verplicht hun leven lang gedurende dezen dienft te doen; en indien zy hier in nalatig waren, wierd hun het Borgerrecht wederom afgenomen,en konden zy geene Gildebroeders blyven in die gilden, wel- ke zy aangenomen hadden volgens het Raadsbe- fluit genomen des woensdages op finte Symon en Juden avont 1417. (O
r
1409.
In den jare 1409. is de Regeering aldus verzet.
Schepenen.
Tan van Lichtenberch, Borgemeyfter.
Vrederic van Drakenborch. Jan van den Spieghel. Willam van Alendorp. Alfer van der A.
Jan
«entlykfte dat van hen gezegt kan worden , is te vinden
hy Matth. lib. IV. de Nobil. p. 1117. die daar en op de vol- gende bladzyde de oude Schutters Ordonnantie te voorfchyn brengt en uitlegt.
(l) Van deze Slykborgen verdient nagezt'en te worden, 't
geen de geleerde Heer van de Water in het Utrechts Place. III. deel p. z<?o. daarvan heeft verzamelt, die ook aantekent, dat dezelve in den jare 1601., vernietigt, en in der zelver pliaU of afchluiden aangeftelt zyn. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||
|
|
1409. JAARBOEKEN 91
Jan die Coninc.
Jan van Gruenewoude.
Jonge Beernt Proys.
Peter Rwflche,
Louwerens van Hamerftein.
Willam Woutraan.
Dirc van Houdaen.
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
Raden,
|
|||||||
|
|
||||||||
|
|
Sweder van Houdaen, Borgemeyfter.
Herman Grawert,
Jan die Wael. Huge Goyer in zyn ftat.
Riqwyn Jans zoen.
Egbert Jacobs zoen.
Dirc Pawe.
Jan Brunt.
Herman die Vroede.
Henric Vos.
Jan over die Vecht, Hermans zoen,
Jacob Sloyer.
Willam Jans zoen.
Jan Gheryt Gepels zoen.
Henric van Luttickenhufe.
Hubrecht Daniels zoen.
Willam van Maerfen.
Mattheus Pot.
Henric Vrederix zoen.
Herman Weflels zoen.
Aernt Willams zoen.
Henric Pouwels zoen.
Jan Gheel.
Henric Jacobs zoen.
vol-
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
é
|
|||||||
|
|
||||||||
|
|
||||||
|
|
9* UTRECHTSCHE 1409.
Volprecht Foyt.
Jan van DamafTche.
Oudermannen.
Pilgrum die Wael. -> ITT r -j
Lodewich die Wael. > WantfiÜdcrs.
Egbert van Gruenenberch. -? c .,
Herman van Gameren. * niders- Lambrecht Peters zoen. 7 R , Willam Henrix zoen. öackers.
Jan Scout. 7 » ,
Traan Dirx zoen. J Molenacrs.
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
Steven van Sleen. » \7-n,i,«
JacobGherytszoen. 3 Vifchcopers.
Jan Weffeli zoen.
Willam Jans zoen. /
Aernt Dircs zoen. -, r
Gheryt Aelbrechts zoen. 3" Wollewevers.
JanHerboort. > n/T , ,
Willam Herboort. > Ma"lud^n.
Jacob van Lichtenberch. > Rrt
Willam van Weelde. ' ^octerluden.
Ghervt die Haen. 7/^1
Willam Ghifelmaer > Cordewamers.
Ghifebrecht Jans zoen. .-. , ,
Jan WefTels zoen. } Q^ecordewamers,
Peter van Snellenberch. 0
Dirc van Zulen. } Corencopers.
Henric Jans zoen. ~ , rr .
Ludewich van Aerde. } Oudewantfmders,
Aernt
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||||
|
|
1409. JAARBOEKEN. 93
BHensboe, > '.«Moker,
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
Claes Hermans zoen. > « ,,
Willam Bogemaker. > Bylhouwers.
Huge die Beer. 7 c ,
Willam Butendyc.} Smedem Anzem zalm. ~ , , Dirc Baers. > ^adelaers.
.
Uyt de uicfpraak gedaan over de verfchillen tuf-
fchen den BifTchop en de Stade Amersfoort, waar van wy terftond zullen melden, blykt , dat dit jaar O- verfte Oudermannen zyn geweeft Pelgrum die Wael, en Huybert Egbertzoon. In welke uitfpraak ook Mattheus Pot als Borgermeefter word geftelt , fchoon in des Raads boeken Siaeder van Houdaan vermeld word die waardigheit dit jaar bekleet te hebben. Dus moet Sweder van Houdaan voor hec doen dezer uitfpraak geftorven , en Mattheus Pot in deszelfs plaats gekoren zyn , of de eerfte door krank- heit of anderzints belet geweeft zyn om de uitfpraak te doen , en de laatfte deszelfs plaats vervangen heb- ben.
Het accoord tuflchen de Landgenoten van dé
Lange Vliet en de Elf Hoeven in den lande van Yfelfteyn, aangaande de uitwateringe in de Lan- ge Vliet den i. Maart gefloten , kan men lezen in het Utrechts Placcaatb. II. deel bladz. 130.
Van alle de amptenaren in de Stadt Utrecht woon-
achtig had de BhTchop alleen maar de aanftellinge van eenenSdw; , en van eenen Tollenaar , die des
BifTchops
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
$4 UfRECHTSCHE 1409.
Biflchops tollen ontfing en verrekende. Om dat de-
ze een bediende van den Biflchop was, en niemant in dienft van eenen anderen Heer zynde,de Stadt vry raden konde , daarom heeft de Raadt in dit jaar des dingsdags na onzer Vrouwen - dag te Licht- mifle verftaan, dat geen Tollenaar van den Bif- fchop,zoo langhydat ampt bediende,in desftadts Rade zitten, of gekoren zal worden voor Sche- pen , Raadt of Ouderman. Deze Tollenaar, fchoon door den Biflchop aangeftelt,ftont echter, met betrekkinge tot het waarnemen vanzyn ampt, onder de beveelen des Raadts, zoo als blykt uit deze overdragte des Raadts van 't jaar ly&y.lf^antteteen oude ghewoente gheweeft heeft, zo iiaie zyn gboet binnen eer Stat van Utrecht te vertellen placb, dat zi den Tolnaer te zoekenplagbenin'tGrttythuys, endedaer zo placb de Tolnaer, ofte gbene, dien by 't beval, fberen tollen te boeren, dat een ivyl tyts verdwaelt beeft gheweeft, daer die coepmans dicke mede gbe- bindert gheweefl hebben, bier etrtme zo is de Raet van der flat out ende nye over ten gbedraghen, dat ons Heren Tolnaer van Utrecht, die nu is , of bier namaels zyn Tolnaer wart in" t Gruytbuy s fitten zal, bi ofte een gboet man diefde Tolnaer, beveelt, ende gheen wyf. Ende waert dat de Tolnaer of de gbene dien hyt bevele, die o»fë borgber -waer, des nyet en dede, ofte meer name van tollen, dan bi fculdtch tvaer te doen, dat woude de Raet van der flat out ende nytue, die is, of hier namaels 'soezen zei in der tyd, aen hem rechten na Inrer goetdunken.
Het is de plicht van goede Regenten te zorgen,
dat de rekeningen der genen, die penningen voor het gemeen ontfangen en uitgeven, in de ordre, «n behoorlyk worden onderzogt en nagezien. De Kegenten van dezen tydzyn daaringanfch niet na- latig |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1409. JAARBOEKEN. 9$
latig geweeft, maar hebben des maandags na Bo-
nifacii verftaan, dat, wanneer Cameraars en die geene, welke ftadts ambachten voerden, en ver- antwoordinge te doen fchuldig waren, hunne re- keningen aan de ftadt overbrachten, de Raadt dan vier mannen van den Rade out en nieuwe zoude ilellen, om die rekeningen wel en nauwkeurig na te zien, welke verplicht waren binnen een maandt daar na die rekeningen in den Rade te brengen en, dezelve te loven of te laken. En indien zy binnen dien bepaalden tyd zulks niet deden, zoo moeften zy zoo lang binnen hunne huizen blyven, zonder uit te mogen gaan, tot dat zy behoorlyk verflag van hun- ne bevindinge aan den Raadt hadden gedaan, en miften acht ponden, die zy anders voor 't onder- zoek der rekeningen hadden.
In dit jaar des woensdags na S. Martens dag
tranflationis, heeft den Raadt dit merkwaardig be- fluit genomen, (i)
Overdroecb die Kast van der ft at out ende ftycat
de/e punten nabefchreven:
In den eerften, dat van dezer tyt voert gbeen on-
ztn borger ofte onderl'aet enigber Heren ofte ander* luden, gbeeftelike ofte weerlike, rok nocbcaproen^ (2) nochie gbeenrebande zac draghen en feilen. £» de yemant die dit verbrake, dat vooude die Roet oen hem rechten tot boren goetdoncken , ten waer , dat zy boer ftede huysgefinde waren, ende dagbelix in boren nftixaren, dis mogen boren beren clederen,
capreen
(i) Ziet het Utrechts Place. III. deel bladz. 72. en voor al
Matth. IV. de Nobil. if.
(a) Caproea is het gedeelte van een kap, welke het hooft be»
dekt, waar van gezien kan worden 't geen de geleerde Heet van Ryn heeft aangetekentopdeKwkelyke HiftorienYanN*- derl. H. deel bladz. 4*9. - i |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
$6 UTREGHTSGHE
caproen ofte zac draghen fonder brueken.
Item en feilen geen maefcap meer clederen ofte ca-
proen te f amen draghen, dan zes perfonen , ende yemant die dit verbrake, dat luoude die Raet fcher- pelic aan hem rechten.
Voert en feilen gheen onfe borgher e, ofte onderfa*
ten yemant meer deden ofte caproen geven dan ho- ren buysgejïnde, die fy dagelix mi t hem in boren coft hebben , fonder arcb, ende yemant die dit ver- brake, dat -ajoude die Raet op hem rechten tot bof en goetduncken.
En is'er achter dit befluit in 't Raadsboek byge-
fchreven: Hier op overdroecb die nywen Raet anno XXV. dei donredages na annunciationis Marie voer die broken ^yemant die dezer punten eenich verbrake, dat by eenjaer ivt der flat -wef en fel.
Het oogmerk van dit Raadsbefluitisgeweeft,óm
voor te komen, dat hunne borgersgeene eigen luy- den zouden worden , maar vrye luyden blyveti. Want vermits te dier tyd de eerfte Edelluiden bor- gers der ftadt Utrecht waren, om deel te hebben aen de ftads regeeringe, die naer die tyden zeer aan- zienlykwas, zoo kan men licht bezeffen, dat'er on- der zullen geweeft zyn, die op veele wyzen ge- tracht zullen hebben, door mindere borgeren aari zich te verbinden, aenhang te maken, en dus met 'er tyd veel gezag in de Regeering te hebben. En dewylde Raad begreep, dat hier door veel nadeel aan de vryheit, welkers behout de Regeerders van dien tyd zeer ter herte ging, zoude worden toege- bragt, zo heeft zy zulks wyflelyk zoeken te belet- ten. De ondervindinge van vorige jaren had hun geleert, wat de heerzucht niet vermag in de doorluchtige geflachten van de Vreezen, Guntersen Lïcbtenbergens. Zy wiften zeer wel, dat het niet dan
van
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1409. JAARBOEKEN. 97
Tan een kwaad gevolg konde zyn,indienborgers,
die jaarlyks in hunne gilden te lote moeften gaan, om Oudermans te verkiezen, niet vry hunne flem konden geven aan die, welkezyin gemoedeover- tuigt waren de nutfte en befte te zyn; en dat die vryheit van ftemmen niet konde beftaan in zulke borgers, die aan machtige en vermogende heeren dienftplichtig waren. En dus ftraalt hier wederom in uyt de groote voorzichtigheit en hetwysbeleitder Regenten van dien tyd, ter voorkominge van aan- wafch van gezag en krachtigen aanhang van bewint- zuchtige Heeren.
Die van Amersfoort veele redenen van klachten
gegeven hebbende aan den Biiïchop Frederik van Blankenheim, over't nadeel door hun aan deszelfs rechten gedaan, ook onder vermoeden zynde, van zich tot nadeel van het Sticht met den Hertog van Gelre verbonden te hebben, hebben de Biflchop en zy, volgens de pryflyke gewoonte van dien tyd, de vereffeninge hunner gefchillen overgelaten, aan d'uitfpraak van goede mannen, en daar toe verkoren de Stadt Utrecht, nevens de fteden , Deventer, Campen en Swol, die daar over den XVI. Decem- ber dezesjaars haar zeggen hebben geuit: (i) En hebben ook in dit jaar de Amersfoortenaars met hulpe van die van Emmenes , Seldert, van der Haer en Duiit, op aanhouden van den Biflchop, den Spakenburger d»jk by Bunfchoten gemaakt om noots wille des lands, en heeft de Biflchop verklaart, dat die Gerechten ten eeuwigen dageonbelaft zul- len zyn den Dyk te onderhouden. (2)
(i) Men k»n ze lezen by Matth, Rer. Amersf- fcript, p»j.
43*. {a) Ziet Utrechts Placcaatb. II. deel bladz. 49.
G In
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||||
|
|
UTRECHTSCHE 1410.
|
|||||||||
|
|
||||||||||
|
|
1410.
In het jaar 1410. zyn tot de Regeering verkoren
deze navolgende perfonen.
Schepenen.
Volprecht van Amerongen Borgermeyfter.
Peters Jans zoen.
Gheryt Vrencke.
Vrederic van den Spiegel
Jan Pot.
Willam Schade.
Jan van Lantfcroen.
Willam van Winfen.
Yfebrant van. der A.
Henric die Wit.
Claes van Loenen.
Egbrecht Paelvoet.
|
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
Raden.
|
|||||||||
|
|
|
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||
|
|
Gheryt van Damaflche.
JanKnyff. Claes Ketelaer. Jacob Scrodekyn. Peter Foyte. Claes Elgher. Jan Knwt. Peter Jacobs zoen. Aernt van Cleve. Jacob Herboert. Henric van Endoven. Andries die Wit.
Roe-
|
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
JAARBEKEN. 99
Roelof die Kraen.
Aerrit Hughe.
Jan Wityoet,
Jan Hömbou't, Sorgeririeiftef.
Claes Splinter.
Jan Schaven.
Vrederic Manen'.
Peter Scrödekyn.
Henric Haec Hubrechts goeri.
Andries Paep Lewen zoen.
Bercelmeeus Glafemaker.
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
öudermani,
|
|
||||||||||||
|
|
. /^*
|
|||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
Ghifebrecht v*n Galencocp. t ^ *,
> Smders-
|
|
||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||
|
Dirc die RUM.
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
Herbereh vafl Linfchóteö. , , .
GhiftbrechtDircxzoen. } I- |
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
Henric Lichténap.
Henric Pouv^els zoen. >
Henrie die Wk lans Zoett. 7 * .
Jacob Haec. > Louwers'
Peter Hafaert Dirx zoeff-t «»
Peter Hagen zoen'. > WoUewevers:
Timan die Lunge.
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
ioo UTRECHTSCHE 1410.
> |
|
|||||||||||
|
|
|
||||||||||||
|
|
S,ut
|
||||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
H
|
erman cout. j Oadccordewaniets.
Andnes Alarts zoen. J
|
|
||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
*"**»
|
||||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
Willam van Vlueten-x «. mf .<
. r* /- L r Kiemmiders. Timan van Dorsfchen.J |
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
Wouter Grawert.}Smcden>
Jan Zincelbyer. J Jan van Meerlo.i
Vx* Tir*ii l
|
|
|||||||||||
|
|
Dirc Willam.
Op ten Heyligen dertienden avond heeft de Bif-
fchop verklaart by eenen brief, te vinden in het U- trechts Placcaatb.II.deelbladz. 271. dat de geerf- dens van den Geftichte onder het Waterfchap van Woerden, zoo wel als die van Holland, zullen dra- gen de laften rakende het voorfchreve Waterfchap, hebbende' kort daar na de Hertogen Wtilem en Jan van Keyeren beveftigt de voorrechten door Hertog Aelben aan het voornoemde Waterfchap gegeven. En heeft de Biflchop op S. Agnieten- avond noch eeneri brief uitgegeven, aangaande de fchouwe van de Lange Vliet , en is ook in dit jaar
be-
|
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
||||
|
|
i4io. J A A R BOEKEN. 101
beraamt eene Ordonnantie, om te kiezen de De-
putaten, die de Vecht, Vaartfche en Krommen Rhyn zouden fchouwen. (i)
Ter betalinge van eenige fchulden,welke de Stadt
hadde, heeft de Raadt in het begin dezes jaars des vrydags na S. Agnieten dag, als mede Satur- dag na S. Vidtoers en Woensdag na S. A ndries dag, bevolen allen borgeren, die buiten de ftadt ten platten lande woonden, jaarlyks aan der StadtsCa- meraar te geven eenen ouden Vrankrykfchen fchilt, op verbeurte van ontborgert te worden. Doch indien zy betaalden, zouden zy waak-.en dienft vry zyn en niet mede uyt reyfen, ten zy Stadts bannier mede uyt was, maar moeten volgen den klokkenflag als 't waterfnoot ware. (2) En voorts dat zy de plaats hunner woninge binnen de ftadt jaar- lyks zouden opgeven aan de Oudermans hunner gil- den , op dat indien zy wierden beklaagt voor den Raadt of iemand iets op hen te zeggen hadde , de dagingen daar konden gedaan worden. Ook is by dezelve Overdrachten, zoo wel de binnen als de buiten borgeren verboden enig koorn of goed, by eenen Pander bezet,weg te voeren. (3)
In
(i) Ziet Utrechts Placcaatb. U. Deel bladz. 131. en 192.
(ï) Dit wort nader verklaart des Woensdags na Martini
14.12. Die Rade van onfe Stat out ende ayive fyn overdra. ghen, dat alle de borgeren van Utrecht,die hoerhoechjie'weer tnde woenfat binnen der Stat van Utretht hebben, gevriet feilen wefen van den clockenflacb op ten Leckendyc, al i (l oi'ck dat die borger in ende <u>t onfer Stat bouivet j mer alle andere enfe bergers, die in den lande ivoenen, ende mede onfe binnen lorgeren, die haar bsuwinghe tuten houden, daer fy tvt «»de inne bouwen of ten lande , ende daer dachlix licht ende vuer houden, feilen mede volgen den clockenjl^ach op ten Leck(nttyft tnde tut eiken hufe eenen man fenden.
t3) Ziet Utrechts Tlaccaatb. 111. Deel p. *8jj.
G 3
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
Ifl dit jaar heeft de Raadt ook, een3 overdrachte
gemaakt rakende deo Batine , én de maniere van procederen voor'r Gerecht, welke, te lang zynde om hier plaats te geven, nagezaen k;an worden in het derde deel van het Utrechts Placcaetb. bladz. a87- Alléenlyk zal ik hier maar op aantekenen dat iemand gezegt wierd ten banne teftaan, die door dep Rech- ter veroordeelt was zekere boete te voldoen, of, als gezegt word in deOrerdrachtevan't jaar 13.82. na» verpkgenre fcout, ofverfmadenijfe des rechts, of van andere h/ie* (i) Doch, vermits hier ge- iproken word van die geen e , 'dié met geefisiyke vecht vervolgt -vooren, en dat die zig mt den ban zouden moeten laffe», eb ctbfalutie winnen, zoomoet men weten, dat, fchoon een borger eigendyk ner.- gens anders in wereidfehie zaken kónde te recht ge- ffelt worden, dan voor des ftads rechtbank, 'er ech- ter gevallen waren, waariri deGeeftelyke Rechter, Officiaal van den: Biflchop genoemt, over wereld- fche perfonen te zeggen had, als by voorbeeldt överhuifgenoten* dlenfthodea van kerkeïyke per- lonen, over die zich ten dienfte der ketke overge- geven , of de befcherminge der kerke hadden aan- genomen. Ook iri zaken waar in de Geéftelyk- heit in haar recht of bezittinge verkort was, wan- neer de Officiaaihun eene boete opléide, of opzwel in den geeftelykën ban dede. (2)
In
(i) Htt t,atynfchewoortirt»j«wj word volgen» Jietgebruik
oer middel 'eeuw verfcheidentl-yk opgevat", *1» vnordebanver- Jflaringe, en bannire vóór den openbaren ban uitfpreeken.ziet Sirmond Nöt. in ConcilV Confluentin. en voor de rerbeurt- verklaringe, als aanwyft Cellotiu» in Concil. Duziacenf. i. ézp. I+. maar vooral voor de rechtelyke'uitfpraafc vangeld- boete, als Buchel. ad Hed; pag. XLVII. aantoont. 'vx) Ziet hier van Mattft. n. de Nobil. 11. en H. v. R. in xyne Aantekeningen over deKerkelykeOuthedenvanMcdcf-
Und
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
i'4io. JAARBOEKEN. 103
In dit jaar is door den Bifïchop uitfpraak ge-
daan over 't verfchil tuflchen Jacob van Gaesbeek als Heer van Abcoude, en Jacob van Licbtenber eb als Prooft van S.Pieter,overhantwiflel,nakoop,de dagelykfche gerechte, tins en tienden tot Abcoude en Vinkeveen, welke te zien is by Matth. de jure Glad;i cap. xxiv.
Ook heeft Baarn, te dier tyd eene ftadt, zich ver-
bonden aandmenfoort omhaer in tydenvan nood by te ftaan. Ziet den brief by Matth. III. deNo- bil. cap. i. en Rerum Amersfort. Script, pag. 236. by wien ooklib. i. Fundat Ecclef. p. 164. te le- zen is eene aanmerkelykebrief over de twee Cofte- ïijen in de Buurkerk,waar uit blykenkan, welk de plicht der Coïteren was , en wat door hun ver- richt moeft worden.
Pontanus en Slichtenhorft in'tvm.boekhunner
Gelderfche gefchiedeniflen verhalen, datBifïchop Frederik van Blankenbeim in dit jaar tegen de bei- de Heeren van Arkel , vader en zoon, den ban heeft uitgeblixemt, en brengt Pontanus den brief zelfs te voorfchvn. Doch uit de leezing der zel- ve komt bet my voor, datdeBifTchopdenbandoor zynen Officiaa! in'tjaar 1405. wegens de fchade aan de goederen der Geeftelyken gedaan (waar van wy hier boven bladz. 31. gemelt hebben) op hoo- pe van voldoeninge opheft, en het verbod: van Godsdienlt oefFeningen (i) tot het jaar 1412.uit-
ftelt,
land I. deel bhdz. i<;6. die ook aldaar aanmerkf ,hoe de Of-
ficialen dikwils deze macht hebben misbruikt. Voor al ver- dient hier op nagezien te worden Matth. manuduft. ad JusOanonic. lib. nr.tit. i. die aantoont, dat wereldfclie hun- ne gefchillen zomtyds bragten voor den Officiaal , om rede- nen daar bygebragt; en 't geen de Heer van de Water in het Utr. Place, l U. Deel p. 24*. heeft aangetekent. (i) Gemeenlyk interliitt genaamt. Wa»r in deze van den
G 4 b">
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
104 UTRECHTSCHE 1410.
fielt, onder vermaninge van in dien tuflchen tydt
te voldoen de fchade, door hen aan de Geeftelykheit toegebragt, waar ann niet voldoende, datzy dan voor verbannenen in den hoogften trap zouden gehouden worden.
Het driejarig beftant tuflchen den Hertog van
Gelre en Graaf JVillem ten einde zynde, heeft Graaf fföllem (niet konnende dulden, dat Wil- km van Arkel in 't vorige jaar de ftadt Gornichem en het Land van Arkel overgegeven hadde aan zyn oom Reynout Hertog van Gelre, om onaflchei- delyk aan Gelderland te blyven , en dat Reynout daar reeds gehuldicht was, en 'er bezit van hadde ge- nomen) zich ten oorlog toegeruft , en door het vergunnen van verfcheide voorrechten (i) aan die van Amersfoort, dezelve op zyne zyde gekregen, en gewapende fchepen op de Zuiderzee gezon- den , om te beletten , dat de Gelderfche fchepen uit Harderwyk en Elburg niet zouden uitlopen , om op de Hollandfche ftromen te ftropen, en ook krygsvolk in Amersfoort gebragt, om daar uit de Gelderfchen te beoorlogen. Waar mede hy ver- fcheide ftroperyen op den Gelderfchen bodem ge- daan heeft. Doch is in dit jaar door toedoen van Jan van Beyeren Biflchop van Luyk tufTchen deze twee Vorften een beftant voor twee jaren getrof- fen. En is de ftadt Amersfoort ook in dit jaar van 1410. met Reynout Hertog van Gulik en Gelre ver-, foent, (2) en bevredicht.
ban of excommunicatie verfchilde , ziet by Matth. Manud.
ad Jus Can. lib. m. tit. 8. & p.
(i) Ziet hier van Matth. Rer. Amersf. Script, p.230» (i) Ziet Matth. Rer. Amersf. Script, p.iji. |
|
|||
|
|
|||||
|
|
In
|
||||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN.
i 4 i i-
f ^.
In 't jaar 1411. zyn Stadts Regenten geweeft:
Schepenen.
Jan^an den Spiegel, Borgermeifter.
Alfer van der A.
Jan die Coninc.
Pelgrum die Wael.
Mattheus Pot.
]an van Clarenborch.
Peter Rwiïche.
Jan van Groenewoude.
Louwerens van Hamerftein.
Dirc van Houdaen.
Willam Woutman.
Vranc die Witte.
-
Raden.
Karman Zittert.
Egbert van Groenenberch.
Riqwyn Jans zoen.
Huge Goyer.
Hubert Egberts zoen.
Volpert Foyt.
Henric Sloyer.
Jan van Lichtenberch Beernts zoen,
Herman die Vroede.
Ludewich de Wael.
Alfer van Lichtenberch.
Willam Jans zoen.
Jan Vrancken zoen.
Peter van Snellenberch.
G 5 Hen-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
io<5 U T R E C H T S C H E 1411.
Henric van Luttickenhufe.
Gheryt Dedel.
Meyfter Aernt die Brwn,
Matheus Scrodekyn.
Willatn van Alendorp, Borgermeifter.
Hermans Weflels zoen.
Melis Dirc Willams zoens zoen.
Willam van Ghent.
Henric Pouwels zoen.
Jan Gheel.
Oudermannen.
Jan van Lichtenberch. -> WantrniJers
Henric van Brienen. * Wanttniders' |
|
||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
Wouter Paeuwe. $ onioc"'
Lambert Peters zoen. -, R , Willam Henrics zoen. * öacKers' |
|
||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
Jan Scout. i Molenaars
Peter Herman Mathys zoens zoen. *
|
|
||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
Egbrccht Jacobs zoen.} vieyfchouwen.
Hennc Jacobs zoen. J
Sirffter^^-JVifchkoper,
Henric Moerkyn. -> T
x-, , \r i r Louwers.
Godevaert Vrancken zoen. J
|
|
||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
Jacob van Lichtenberch.7 n , , ,,
Willara van Weelde. * ÜQ^^^^ |
|
||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
|
|
Che-
|
|||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
14". JAARBOEKEN. 107
|
|||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
- >*""*«
|
|||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
Aernt Willaras zoen.
Ciaes Hermans Zoen. Claes van, Haerlera.-» e^ r . ÏXrc Grawert. > Smeden. is ztoeti* -» 7jöi |
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
|
vaa
Wy hebben op het vorige jaar aangetekent,dac
de Stadt^«Bér^iörf met den Hertog van Gelre was bev?edichc. Doch deze vrede is in dit Jaar niet wel nagekomen , vetmits. de Gelderfchen met hul- pe eeniger, borgeren van Amersfoort hebben ge- tracht de Stade ce overrompelen , waar over de Jtaadt der Stadt Amersfoort zich heeft beklaagt by eenen brief aan den. Hertog van Gelre » in welke zy Boeraen, de GeLderCche , als ook de borgers , dié aan d*ze daad medeplichtig waren (i}, en zich uit de Stads op het GeLderfche grondgebiedt begeven hadden , en dus ballingen uit de Stadt waren.
Welk
(i) Ziet Matth. Rer. Amersf. Script, p. 79.
|
|
|||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
||||
|
|
log U T R E C H T S C H Ë 1411.
Welk gedrag der] Amersfoordenaars gelegenheit
fchynt gegeven te hebben tot het Raadsbefluitvan
onze Stadt, des Vrydags na Petri en Pauli dag,
't welk van dezen inhout is: Die Raaf van der Stat
cüt ende nye fyn over dragen sdynsdages na Margrie- te , dat die goede luden van Amersfoert, die van der partyen fyn , die nu buten fyn, borgen /ellen mogen worden , die gene die der Over ft en out end» nye in der tyt nutte duncken feilen, mit zulke voer- laaerden, dat fy nimmermeer in onfe Stat rade zit- ten en zeilen, mer hor e kinderen mogen daerivelin zitten, oft zy daer namaels in gecoren worden.
Ik vind niet, dat 'er in dit jaar iets merkwaardigs
voorgevallen is, dan alleen dat de Vechtkeuren zyn verpacht, 't welk in de volgende jaren ook meeftge- fchiet is. Deze Keuren waren by eene oude Over- drachte vanden Raadt des anderen daags naKersdag 1341.(i)bepaalt,en zyninditjaaropentlykaande meeftbiedende verpacht, doch op dat de pachters geen misbruik van hun verkregen recht zouden ma- ken, heeft de Raadt dingsdagsna Margrete verilaan, dat indien een pachter zelfs,of iemandzynentwe- gen, vecbterye aanrechtede, of iemand meer boete afnam, dan by den Raadt bepaalt was, hy dubbel- de boete zoude verbeuren, en die blootshoofts, met bede van vergiffeniflevoor den Rade brengen, en dat de eene helfte van die dubbelde boeten voor de Stadt, en de andere helfte ten voordeele van de Keurmeefters zoude komen. Welke Keurmeefters door den Raadt geftelt, die gene, welke binnen eene maand hunne verbeurde vechtboetens niet be- taalden , ter vermaninge van de pachters, moeden
uitpan-
(0 Te vinden in het Utrecht» Placcaatb. III. deel bladz.
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
1412. JAARBOEKEN., 109
uitpanden, onder verbeurte, indien zy hier in na-
latig waren , van hun aandeel aan de boetens te verliezen.
Voortydts wierden alle maanden Keurmeefters
aangeftelt,die binnen eene maand daar na alle de vechtkeuren in hunne maand voorgevallen, als me- de de namen der genen, die gevochten hadden,in gefchrift moeften overgeven, onder verbeurte van na dien tydt niet uit hunne huizen te mogen gaan, op eene boete van tien ponden alle dagen, tot dat zy dit verricht zouden hebben, volgens Overdrachte des Raadts Sondags na S. Symon en Juden dag
1384. (O
1412.
Ik ga over tot het jaar 1412. volgens gewoonte
eerft zullende opgeeven de namen der Regenten van dat jaar.
Schepenen.
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
Jan Hombout.
Peter Jans zoen.
Vre-
(i) Ziet verder't geen deHeer van de Water heeft aangete-
kent III.Deelvan'tUtr.Placcaatb.bladz. tf4. en de volgende, waar by ik- niets te voegen hebbe, dan alleen den eed der Xeurmeefters 3 zo als dezelve in libro Rofae geboekt ftaat: Dat zweer ie, dat ie alle die vechtkoren, die dit titgeniaier- dige zyfoen nut verfchenen zeilen , sfte oec hair tae verfchenen zyn y mer niet wtgegaen, noch onfen Rade aengebrocht, die tuy totgaen ende ondervinden zeilen connen, truwelic wtgaen, ende den Rade op te» Raethufe by brengen feilen, fonder y et daar van heimelie te verduifteren , oec fonder yemttnt des te verdragen, ofdaer in te verfchonen, des fal ie laten om lieve noch om lede, noch om maechfcap, noch om fioagerfcap, noch era anxt van minen live, noch om anxt -van minen goeden, aech om gheemrtbande faken. Dat niy Ged fa helpe ende fyn heiligen !
,
L |
|
||||
|
|
||||||
|
|
|||||
|
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
rio UTRÈCHTSCHE «41».
Vrederic van den Spiegel.
Vrederic van Drakenborch Volprecht van Amerongen.
6.n Pot, Schepen Borgermeyfter.
irc van der Weyde. Willara van Winfen. Henric die Wit. Claes van Loenen. Jan over die Vecht . Jan Jacob Egbrechts zoens zoen.
Raden.
Braem van Lantscroen.
Ghifebrecht van Galenco»p.
Claes Ketelaer.
Jan Pot, Jans zoen.
Peter Foyte.
Henric Haec, Hubrechtt zoen.
Claes Elgher.
Jan Knwt.
Aernt van Cleve.
Claes Sabel.
Vale van Goudenberch.
Jan Ghifebrechts zoen.
Vfebrant van der A, Raet Borgeraeyfter.
Andries die Witte.
Tideman van Hamerftein.
Jan Witvoet.
Michiel Thomaes zoen.
Melis van Mynden.
Jan Schaven.
reter Scrodekyn.
Evert van Strimoet.
Gheryt Bolle.
Willaia
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
|||||||||||||
|
|
|
||||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
JAARBOEKEN. m
|
||||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
Willam Jacobs zoen.
Tideman die Lange, |
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
Ouderraannen.
|
||||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
ner,
Jacob Scrodekyn. X n t
Henric van derEera de Jonge.-* öac*efs-
Jan Dircs zoen. -> ,., ,
Beernt Janszoen. > Molenae«-
Henric van Lit. > T .
Herberen van Linfchoten/ L""«"vers.
|
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
S?1.!»
Endoven.
Oudccordewunie.
|
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
Huee Grawert. . ,,
GhifebrechcvanRaePliorft.>CorencoPers-
Peter Hueen zoen. 7 ,,, Tyman Pyl. > Wollewe^rs.
Gheerlof Martens. -, 0 ...
Peter van Voskulen. > Sieenbickers.
H Jan
|
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
||||
|
|
iia UTRECHTSCHE 1412.
Jan van Tyel. , Oudewantfniders.
Tideraan van Zulen.-»
Jan Droem } Graeuwerkers.
Simon Walmer. J
Timan van Dorflchen. } R mfniders<
Dirc van der Meer. *
r^?r \?' \. c u j } Bylhouwers.
Ghifebrecht Schade. J J
Vrederic Marten. » c_,.j.,,
i» . rp. f omeden.
Hennc limans zoen/
Jan van Meerlo. » 7 , ,
ik- /-i /i i l Zadelaers. Dirc Gansflagher. J
Dat Jacob Vrederlks zoen en Vrederic Marten
dit jaar Overfte Oudermannen zyn geweeft, blykt uit het verdrag tuflchen den Biflchop en de Stadt van 't jaar 1413, 't welk wy op dat jaar zullen me- dedeelen.
In het begin van dit jaar, te weten 's maandags
na dertiende dag(i), heeft de Raadt lyfftraffege- ftelt op eenen boedelharder,'t zy man of wyf, die 't Gerechts zegel, op floten geftelt, eigener macht ontzegelde. (2)
In dit jaar zyn twee nieuwe ftraten gemaakt,
d'eene genaamt S. Pieters ftraat, en d'andere S, Pie- ters ftege, thans gemeenlykgenoemt^c^rS1. Pie- ter. Tot de eerfte heeft het Capittel van S. Pie- ter hun, erf gegeven , en aangaande de tweede hebben de Capittelen van den Dom eri S. Pieter met de Regeerders der Stadt een verdrag ingegaan.
Wat
(i) Dertiende dag, alzo genaamt, om dat ze was de der-
tiende na de geboorte van Chriftus, anders drie Koningen dag. Ziet Matth. i. Fundat. Ecclef. 17.
(t) Ziet 't Utrecht» PJ»««tb. III. Deel bUdz. 100.
' A
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN;
Wat de eerfte ftraat betreft, daar omtrent vinde
ik in 's Raadsboek 's maendags na S. Agnieten dag dit aangetekent : Prooft , Deken en Capittel van finte Peter fUtrecht zeilen van boren erve geleghen in den reghenboghe, satflaen een flrate , fel heten flnte Peters ftrate , die [el breet wefën aent eynde in den reghenboghe vlertlen voet, ende voert van den eyndc inwaert zes roeden lanck, daer is zy breet vy fi- tten voet, ende in den middel vander v oir/creve ft ra- te is zy breet zeventien voet, ende aent ander eynde [o vergadert fy aen een eynde ftraets, dat Joncfrou Tde, Henric Twens Jbens dochter ghemaect heeft, daer is fy breet bet dan zeftien voetefi(i~), geliken dat volrjcreve einde flraets breet is. Ende die Heren feilen neffens der flrate een gemene goede frappe in der njer grafie doen maken j ende doen houden irt reke tot air e (yt.
Van de twede hebbe ik in Stadts originele Co-'
pyeboeken gevonden dezen brief:
VVy Dekenen en Capittelen der kerken van
,j den Doem ende van Sinte Peters tUtrechc , doen kont allen luden, dat wy mitten eerbarert Borghermeeiteren , Scepenen ende Rade der 3i Stat van Utrecht gunftelic overdragen fyn,-al- ,j fe dat wy fullen doen maken op defe tytdeftra- te van den Choraelhufe oplhreckende, tufTchen
huiè
(l) Ztflien voeten'] Dit tliocfite niet gefchieden danbybe-'
liéfténiffe en toeftemminge des Raadts , volgens de Over- drachte des Raadts van 't jaar 1382. te vinden in libro Rof»- rüm : nyemant van defer tyd voert zal gbene nyèwe ftraten nechte ftegèn maken , zi en zeilen <Ufyt fueftn achtten tioeten na der $tat maté, ofte wider , of zi willen $ ten zi bi oerlof vt des R.aats van der Stad , die wezen zal in der tyt. End* daer tn zeilen die Overjle van der Stat gbent macht in hikken kïittn 4m mttttn &.44t van dtr Stat. |
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
UTRECHTSCHE 1412.
hufe heren Geryts Weerts des Proeft van Aern-
hem, ende heren Johans Dircx foens hufe,des Proeft van Ruermunde , totcer brugge toe an der nywer graften by des Biflcops herberge van Ludich nu ter tyt, mit fuiken verwarden, dat de voirfcreve ftraet tot ewighen daghen een apen ruum ftraet ende ghemeenwechbli ven feil. Ende dat men daer nummermeer vulnifle ofte ,, onrenlicheyt, of geen andere becommeringe des weechs, off der ftrate, ofte in den floten lan- ges der ftraten voirfcreven brengen , leggen of laten leggen en fall. Ende hier om foe ge- loeft ons de Stat voerfcreve , dat fy daer enen man toe fetten fall tot ewigen dagen, dien fy borgerfcap geven fel , ende dien zy bevelinge doen zeilen defe voirfcreve ftraet reynlic te hou- den , ende mede macht geven enen ygeliken van hueren borgeren ende onderfaten tebekue- ren by eenre redeliker kuere, die daer onreyn- licheyt ofte vulnifle op brochte, ofte enige beco- meringe op dede. Bchoudeliken onfer kerken oude brieve ende previlegien in huere machte te bliven, fonder enich argelift. In orkonde der waerheyt, hebben wy defen brieff befegek mit onfer Capittelen fegelen. Gegeven in 't jaer ons heren dufent vier hondert ende twalofF, feftien dage in Aprill.
Deze brief door de voornoemde Capittelen aan
de Stadt gegeven zynde, hebben de Regeerders aan die Capittelen uitgelevert dezen navolgenden brief;
Wy Borghermeyfteren , Schepen ende Raet
der Stat van Utrecht doen condt allen luden, dat wy mitten eerberen Heren Dekenen ende Capittelen van den Doem ende finte Peters der Stad voerfcreve gunftelic overdragen fyn, alfoe
dat
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN. ti|
,,, dat die heren voerfcreven fullen doen maken op
defe tyc die ftraet van den Choraelhuus op ftrec- kende tufTchen hufe heren GerytsWeerts Proeft ^ toe Arnhem , ende heren Jan Dircx zoens hufe des Proeft tot Ruremunde, totter brugge toe an der nywcr graften bi des Biflcops herberge van s, Ludic nu ter tyt. mit fuiken voerwaerden , j, dat die voerfz. ftraet ten ewigen dagen een open ,, ruym ftraet, ende een gemeen wech blivenfelj ende dat men daar nummermeer vulnifTe ofte onreynlicheit , ofte geen becommeringe des ,, wechs of der ftraten, ofFin den floten lanx der o, ftraten voerfcreve brengen, leggen of la- ten leggen en fal. Ende want wy Borgher- meifteren , Scepen ende Raet der Stat voer- genoemt dit tot ewighen daghen gehouden wil- len hebben, foe geloven wy defen tween voer- ,, fcreve Capittelen , dat wy daer enen man toe zetten fullen tot ewigen dagen, dien wy borger- fcap geven fullen , ende dien wy bevelinge doen fullen defe voerfz. ftraet rynlic te hou- den; ende mede macht geven een ygeliken van onfe borgeren ende onderfaten te bekueren by eenre redeliker kuere, die daer onreynlicheit ofte vulnifle op brocht, of enich becommerin- 55 ge °P dede. behoudeliken den Dekenen endo Capittelen huere oude brieve, ende privilegiën- in huere macht te bliven, fonder enich argelift. In orkonde der waerheit hebben wy defen brief befeghelt mit onfer Stat zegel. Gegeven in 'c jaer ons heren dufent vier hondert ende twa- leve.
Deze ftege achter S. Pieter is naderhant in V
jaar 1417. geftraat, volgens't Raadtsbefluit 's woens- dags na Remigii.
Ha Wy
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
UTRE C HTS C HE 1411.
Wy hebben hier voor verhaalt bladz. 85- hoe
Jonge Beernt Proeys van den Raadt gettraitiswe-
fens het vervoeren van koorn op het huis te Abcou-
e. In dit jaar is hy volgens 's Raadts befluit, op S. Gertrude dag genomen , om dut hy over vier jaren , toen hy een lidt van den Rade was, twin- tig oude fchilden van eene boete, den Raadt toe- komende , gebeurt en onder zich gehouden had- de , gelaft op de poorte te gaan, en bloots hoofts den Rade vergiffcnifTe te bidden , en voorts zyn borgerlchap ontnomen , zoo dat hy nimmermeer borger zoude mogen worden.
In dit jaar heehjacob van Gaasbeek als Heer van
Wy*. en Abcoude , by bezegelde brieven zich er- kent een leenman van den BifTchop te zyn, en de floten van Duerflede en Abcoude nooyt te zullen vervreemden, en altyc te zullen houden, als Ge ftichts open floten, (i)
Ook is in dit jaar de vreede tufTchen den Hertog
Reynout van Gelre en Graaf iVillem getroffen , waar by Gornichem en 't landt van Jrkel Holland is ingelyft. Zommige Schryvers, als Kemp, ver- zekeren ons, dat Graaf Willem,vernemendeGor- nkbem met macht van wapenen niet te zullen kon- nen overmeefteren , eenige Raden van den Her- tog van Gelre zoude hebben omgekocht, onder belofte van 18000. kronen hen te zullen fchenken, en daar door,deze vredehandeling te hebben uit- gewerkt. Andere in tegendeel willen ons wys maken , dat Willem niet dan met moeyte daar toe heelt konnen gebracht worden. Dit meerder tot de Hollandfche , dan tot de gefchiedeniflen van het Nederiticht behorende', hebbe ik alleen moe- ten (O Ziet Matth. de Jure Qtadii cap, xxir. / |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
I4ia. JAARBOEKEN. nf
ten bybrengen,om dat, zoo de Hertog van Gelre,
als de Graaf van Holland , de uitfpraak hunner gefchillen overgelaten hebben aan Jan van Beye- ren , gekoren Biflchop van Luyk, en onze Utrechtfche Biflchop Frederik van Blankenheim, die den 26. Julius dezes jaars op den huize tot Duerftede by Wyk hunne meeninge daar omtrent hebben verklaart (i), by welke uitfpraak de Stade Utrecht en hare borgeren met Willem van Arkel zyn verzoent, en de Hertog.van Gelre verplicht is geworden , de ballingen van Amersfoort niet te laten verblyven in zyne landen, ter tydt toe zy de Stadt Amersfoort twee duizent kronen ter bete- ringe en vergoedinge der gedane fchade hadden gegeven.
in dit jaar heeft Biflchop Frederik van Blanken-
ïieim het Landrecht de Drentenaars voorgefchre- ven, ten bcwyze dat hy hunnen Heer, en zy on- der zyn gebiedt waren. (2)
Ook is in dit jaar gefticht het kloofter der elf
duizent maagden, door Abraham Dole en zyn zoon Jacob (3), welk erf voor weinige jaren gegeven ïs aan die van de Augsburgfche confeflie , die al- daar eene nette kerk gebouwt hebben ter oeffe- ninge van hunnen Godsdienft.
1413.
Tot de Regeering zyn voor dit jaarverkoren.
Sche-
.r' .
(O De brief kan nagezien worden by Matth. t. ix. Ana-
left. p. ^84.
(i) Ziet Matth. de reb. Ultraj. p. 6t.
(3) Ziet Matth. Fundat Eccl. t, 21.
H 3
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
H8 U T R E C H T S C HE i4»3«
Schepenen.
Jan van Lichrenberch, Borgermeifter. In zyn plaats
Ghifebrecht van der Weide.
Jan van den Spiegel. % Willam Schade. Goedfcalc van Winfenf Alfer van der A. Willam van Alendorp.
Jan van Groenewoude. Jan van Damaflche.
Dirc van Houdaen.
Willam Woutman. Henric van Luttickenhufe,
Vrancke de Witte.
Louwerens van Hamerftein. Peter Mouwen
Vrederik Hubrechts zoen.
Raden.
At
Èm van Clarenberch, Borgermeifter.
gbrecht van Groenenberch. Willam Henrix zoen. Riqwyn Jans zoen, Volprecht Foyte. Henric Sloyer. Claes Steffens zoen. Herman die Vroede. Lodewich de WaeL Willam van Weelde. Claes Sloyer. Jan Vrancken zoen. Peter van Shellenberch. Weifel Zuermont.
-echt Daniels zoeii,
Vre-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
JAARBOEKEN.
|
|||||||||||||||||||||||
|
|
1413.
|
|
||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
Vrederic de Wie.
Mnttheeus Scrodekyn. Peter Walmer Aernt Willams zoen. Melis Uircs zoen. Henric Pouwels zoen. Johan Gheel. Egbert Paelvoet. Aarnc Hughe. |
|
||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
Oudermannen.
|
|||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
PilgrimdeWael. } WamftideM>
Herman Zittert. J
|
|
||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
Herman van Oemeren.
|
|
-j c . ,
|
|||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
Dirc van Amerongen.
Lamberc Peters zoen. -, Back_r,
Henric Spiker.
Tan Scout. i »* ,
WillamvanderWoert.> M°le»^-
Faes van der Paffe. T i .
GhifebrechtDircs z«%J Lmnewevers.
Jacob Egbrechts zoen. } V] fchouwérs.
Henric iacobvrederixzoenszoen/ J
Tacob Gheryts zoen. -i T7.r ,
^, \r f Vuchcopers.
Henric Veen.
GodevaertFranckenzoen.T T
Jan Weffels zoen. ? I-ouwers.
Peter Tacobs zoen. T -.T ,,
|
|
||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
Tir-ii j v»- f Wollewevers.
|
|
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
««-*«
|
|||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
Ghe-
|
|||||||||||||||||||||||
|
|
H 4
|
|
||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||
|
|
U T R E C H T S C H E 1413
|
||||||||
|
|
|||||||||
|
|
Gheryt de Haen. i
> |
|
|||||||
|
|
Willam Jans zoen.
|
||||||||
|
|
|||||||||
|
|
Korencoper,
|
||||||||
|
|
|||||||||
|
|
Gheryt van Hensbeec. > c , . ,
Andries Aernts zoen. > S«*nbickers.
Mattheus Pot. V V- i
Tideman Walmer. } Graeuwerkers'
Willam van Vlueten.-; r.
Willam van Ghent. } Ryemfniders'
Herman Weflels zoen. 7 n ,,
Willanj Boechmaker. > Bylhouwers.
Wouter Grawert. } g d
Timan Hafert.
Jan van den J3arq. -
Willam die Haze.
»
Uyt deze zyn tot Overfte Oudermannen verko-
ren fouter Grawert en Tideman Walmer , als blykt uit den brief, dien wy zoo aanftonts zullen op- geven.
Benige gefchïllen , tufichen den BifTchop en de
Stadt verrezen, zoo over de buitenborgers,cyns- vryheit der Geeftelyken , als over de rechtsoeffe- ping der O^cialen, en Maarfchalken , als mede over den Schout dezer Stadt, zyn in der minne in dezer voegen bygelegt.
,, In den name ons Heren Jhefu Chrifti, amen.
Wy Frèderik van Blankenhem , bi der genaden Gods Biiïcop te Utrecht op die een fyde : ende wy ?, gprgermeyfteren , Scêpenen ende Raide outen-
de
|
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN. 121
de nywe der ftad van Utrecht, an die anderfy-
de , maken condt allen luden , dat wy eens minliken gefcheyts, ende eenre vrientlikeovet- drachte, by raide ende goetduncke onfervren- den an beiden zyden overdragen ende eens ge- worden zyn , van zulken punten, als hier nae ,, befcreven ftaen.
In den eerften, dat men tuflchen dit, ende
achte dage na finte Viftoers dach naeftcomen- de, alle butcn borgers mieterclockengebieden zeil , dat zy tuflchen dit, ende Meydach dair naeftcomende , binnen Utrecht mitter woene ,, comen zullen mi t hore ftediger woninge, ende binnen Utrecht mitter woen bliven , fonder ar- gelift. Ende wye binnen diere tyt niet ynne en quame , als voirfcreven is., die, ende hare 5, kynder , waren hore borgerfcap quyt. Ende die ftadt van Utrecht en fall van defer tyt voert J} geen borgers ontfangen , fy en fullen bin- nen der ftadt mieter woen comen ende bli- ven , na den ouden rechte ende gewoenten. Ende dat alle die butenborgers, binnen dier voirfcreve tyt ftaen zeilen totten Lantrecht, ge- liken anderen luden , die hem gelyck geboren zyn, wtgenomenvan dootflagen. (i)
Item
(i) Dootjlagen ] Konnende een borger volgens Stadts
voorrechten voor niemant anders dan \oor den Raadt der Stadt hier over te recht geftelt worden. Dat een begane roanflag by alle volkeren, en voor al niet by de oude Duit. fchers met de dood geftraftzy, is bekent; en dat volgens <3e Vriefche wetten de ftrafïe maar in eene geldboete beftont, toont de geleerde Heer vaji Loon in het III. Deel van de aloude Redeenngswyze van Holland bladz. 140. Volgens ons oudt Stadts Recht, een borger de enen anderen lorger doet Jloege, bi tsaer <wyf of man , begryp men, daer en is nyette nemen yv'? fy> tyft ontquame hi , fo foude bi ballinf wefen
H 5 «r»
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
UTRECHTSCHE i4r3.
Item van den wynfyfc tufïchen der Ecclefien
ende der flat van Utrecht, dat zal bliven ftaen in zulker gevuechliker lyden, alft nu hudendes dages rtaet , tufTchen dit ende onfer Vrouwen lichtmifle naeftcomende. ende hiern binnen zaL myn Heer van Utrecht bezien , off hi daer yet beters tuflchen gededingen can. ende en wor- de dair niet beters tuflchen gededin<^, fo mach
een
*yt der ff at ende uyt den lande bondert jaer entte exen dacb.
ziet 't Utrechtfch Placcsatb. III. Ueel p. 279. Zoo dat een borger een ander borger gedoodt hebbende , indien hy niet ontquam,zyn leven verloor. En volgens Overdrachtevan'tjaar 1 J°J' te vinden in LihroRofarum, iemand die geen borgir was, en een doodflag binnen de Stad doende, mochte nimmermeer in de Stadt of Stadt* Vryheid komen , op verbeurte van zyn lyf. Maar geheel anders was het, wanneer een borger een ander geen borger zynde, hadde ter neder geveld, volgensd'Ovef- örachte des Raadts des Manendagesna Palmdach 1575. Wair jernant van onfer korgheren,die enigen man doetfloegbe ditgbeen borgher en waer, die zei legghen inden t,erne zes weken lang, tttdt daerentendi niet aten toern te comen , hien hebbe eer f e den Rade vaader Stat zekerbede gbedae n , fia der Stat rechte , de» doden te zoenen bidtn Rade van der Stat, ende der Stat beterin- gt te doen van z>nen broeken. En vind men jaarlyks in's Raadts boeken veele gevallen van mandagen, die niet anders geftraft zyn, de breuke meéïl bepaalt zynde op xxvm fteens. Doch niet al!e borgers konden van dit voorrecht gebruik maken, maar alleen die geene, die in de Stadt woonden, en alle borgers laften droegen, volgens het befluit van den Raadt op S. Peters dag ad Cathedrara 1441. genomen. Item ivaert zate d.it enich butenborger , die nyet dagelix bynnen onfer Stadt en waende mit fynre knecbjler weeren, te lifl worde van Joetflage, dien en foade fyn bqrgerlcap in dien werk geen fta- 4e d en. Een aanmer! elvk pe»al van ieman-!, geen borger zynde , dien na de begane ma"flip het borgerrecht wier d gege- ven , ÖTI na Borp;errechfe geoordeeld te worden, vind men 's Maandags nt Reminifcere i^7f. Die Raide out ende nywt hebben ter begeerte ende ter liefde» van "nfen Heer tittn Utrecht, ende mede van graden , op defe tyt belieft, fnde gbeconfenteert dat Willtm llfUtfffel voer den Rade komen ze!, ende doe» ijnt eedt <oan zyiire btrgerftaf , ende me» x.tl beat titlttdeit
teer
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN. is3
een ygelyck pertie den anderen toefpreken mit
fuiken recht, als hem gadelicfte wair, behou- deliken eiken pertyen onvermynrer hoers rechts.
Item van den Gcefteliken rechte zo zal die
Stat van Utrecht minen Heer van Utrecht fyns geefteliken rechts gebruken laten in al der fel- ver manieren, alft niyn Heer van Utrecht vant,
doe
user borger, behouden den dienres boeren rafoen, ende by zei
ep die poerie gaen , ende doen na borger rechte , merende van den nederjlatge , dien hy binnen anjer fladt gedaan heeftr behoudeliken anders onfer borgere rechte t'anderen tyden in hoeren -uolcomenen macht te bliven. En dus wierd de God- delyke wet , die de dood eifcht van dien, die een ander» bloed vergoten heeft, door menfchelyke inzettingen veran- dert , en te niet gedaan. Ja zelfs was het oudstyds in het Sticht gebruikelyk , dat de Biflchop of zyn Officiael geen recht konden oeffenen over eenen doodflager, ten zy de bloed, verwanten van den nedergeflagen hem aanklaagden, en dat niemant wrake mochte verzoeken over het vergooten bloed, ten zy hy het dode lichaam van den nedergevelden voor het oog van den Biflchop vertoonde; doch dewyl de doodflager romtyts een man van aanzien en gezag was, zoo wierden de bloedverwanten uit vreeze dikwils hier van \vederhouden; ook verzuimden zy wel de aanklachte, of uit gunft, of om andere redenen; en het lichaam van dengedoodden wierdzom- wyl aanftonts vervoert of verborgen, zoo dat'er geen ondef- Zoek naar gedaan wierd, en dus bleef de mandag ongeftraft* Waaromme Keyzer Karel de vierde en Paus Innocentius de zesde in't jaar 1349. deze gewoonte afgefchaft hebben, ziet Matth. de Jure Gladii cap. xxxvni. En heeft Keyzer Ka- rcl de vyfde dit voorrecht der borgeren vernietigt den jf. Maart i?ip» Ee» burger , die een dosdflag aen ten vreemd* wan doet , die z.al te regt geftelt worden en oirdel ontfan- gen i als of hy een burger dootgeflagen hadde , ende mitsdien fal «f wefen ende gealoleert de corruptele tot nog toe binnen Utrecht geufetrt, van drie dagen wten lande te gaen , end» alldan van den dootjlach tegen den Heere vry te aytt: of op te foorte te gaen, tet dat hy borge geftelt hadde den doode t» uerfoenen, ende die Stede te voldoe». Ziet Utrechts Placcaatb. 111. Deel p. 321. art, i, |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
154 U T R E C H T S C H E 1413.
doe hy eerft Biflcop tot Utrecht wart. Ende
die Stadt van Utrecht en fal den Officiael geen verbot of hynder doen doen, hy en mach een ygeliken recht doen , dies van hem geert, alft van outs gewoencliken heeft geweelt, fonder argelift.
,, Voert fal myn Heer van Utrecht finen Maar.-
fcalcken, die nu fyn, of namaels wefen zeilen, j, bevelen in den generalen Capittel, dat fy allen luden,die in den Gedichte van Utrecht gezeten j, zyn , recht doen fullen , alzo als fy gefworen hebben , na inhout des Lantbriefs , ende dat fy niemant daer en boven vercorten. Ende vercorten fy yemant dair en boven, daern zou- de myn Heer van Utrecht niet ynneverantwor- den. Ende myn Heer van Utrecht fall den Doemdeken mede bevelen in den generalen Ca- pittel , dat hy enen ygeliken , dies aen hem geerde, Capittel leggen fall, alfo dicke, ende alfo menichwerve , als hy dairomme verfocht wort, fonder enich vertreck.
Voirt of die Scout van Utrecht tot eniger
tyt onledich wair, of dat hi ter goeder tyt bi den Gerechte niet comen mochte , fo fal hy enen Scepen bevelinge doen , kuer hy wil, die ter goeder tyt bi den Gerechte wefen fall, om- me den luden recht te doen, Mer waert fake, datten Scoute fonderlinge fake anlagen van myns Heren wegen , of anders , fo mach hy thien of twalefwerve sjaers dat recht fmorgens laten vallen ;mer zo zelmen nochtans des avonts recht houden , als men pleecht te doen, ende voirfcreven ftaet. Ende en zei niemant Scout wezen , dan diet myn Heer beveelt, off fyn Scoute van fynre wegen. Voert fal die Scout
enen
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||||
|
|
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
1413. JAARBOEKEN. 135
enen ftoel doen maken op't noerteynde van der
bancken mitten rugge tot Kranenborch wert, cnde daer zal de Scout ynne te recht fitten, en- 3> de fittende bliven. Ende zo wanneer hem de Scepen van enigen oordelen beraden of uiten ,» willen , dat mogen fy doen buten den Scout, of fy willen.
Ende wy Frederic Biflcop to Utrecht voir-
fcreve geloven onzer flat van Utrecht defe voir- fcreve punte vafte ende onverbrekelic te hou- den, fonder argelift. Ende wy Jobanvan Licb- tenberch, Johan van Clarenborch, Wouter Gra- wert, Tydeman Walmer, Johan Pot, Yfebrant van der Ae , Jacob Vrederlcs zoen, Frederïck ,, Marten , als Overfte nywe ende out der Stat van Utrecht : ende wy Wlllam van Alendorp, ende Volprecht van Amerongen , alzo als wy dair mede bigefet fyn van des Raets wegen nye ende out , geloven den eerwerdigen , hoge- borne, onfen lieven genedigen Heer van Utrecht voirfcreve, want wy des gemachticht zyn van ons Raets wegen nywe ende out, dat de Stade van Utrecht defe voirfcreve punten valt ende onverbrekelic houden fall fonder argelift. En- de ick Wilhelmus -van Wyc, gezworen Clerck ende Secretaris des eerwerdigen , hogeborn , myns genedichs Heren voirfcreven, ende Cano- nick finte Peters to Utrecht, hebbe defe cedu- Ie van zynre bevelinge mit myn felS^ hant ge- fereven.
Ende doe defe cedule op beiden fyden be-
Heft wert, doe waren dair over ende aen, alfe Rade myns Heren van Utrecht voirfcreve, de eerbare Her Herman van Locborfï , Doemde- ken, Her Geryt Weert, Proeft van Arnhem ,
Her
|
|
|||||
|
|
-
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
|||||||
|
|
||||
|
|
126 U T R E C H T S C H E 1413.
Her Aernt van Tricbt, Proeft finte ]ohan,Her
Ever f Foeck Deken van Oudemunfter to Utrecht» Her Lodetvich 'van Montforde, Her Jan van Re- neffe , Her Melis utenEnge, Her Henryc van- Zulen van Nyvelde, Ridders, Ruiger van Doer- to nick, Hoeffmeyfter, Steven van Roir Huysmer- fcalck, Jacob van Zulen, Johan van der Meer., Merfcalck, Evert >£);/£,Rentmeyfterdeslants van Utrecht, ende Bernt Proys. Gegeven tot Utrecht in 't jair ons Heren dufent vier honderc ende dertien, des derden dages in Aprille.
'T geen van de buyten borgeren geftelt was, is
kort daaar na nader verklaart, in dezer voegen t Des Saturdages op finte Gertruden dach in 't jaar van XIIlic- ende dertien, hebben ons gene- dichs Heren vrende van Utrecht op die een fy- de, ende ter Stat vrende van Utrecht op té an- der fyde verclaert op te punten ende Articlen voirfcreve. In den eerften van den buten bor- geren , die after den eerften dach van Meye neeftcomende ontborgert feilen wezen, off fy niet binnen der Stat voirfcreve mitter woen en quamen tuflchen dit ende ten eerften dach van Meye neeftcomende, fo wes fy van dien dage, dat de voirfcreve punten overdragen worden, tot ten eefften dage van Meye voirfcreve gebruecc hebben , het fy van dootflagen , of van brue- - ken, dat feilen fy beteren by vrenden ons gene- diehs Heren, ende der Stat van Utrecht voirfcre- ve. ende die brueken feilen half hebben anfe genedige Heer van Utrecht, ende de andere helft de Stat van Utrecht.
- Item zullen de voirfcreve buten borgeren
., quyt, vry, ende los wezen van alre aemicht, ende anfpïake, en4e van allen brueken , hoe
*
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1413. JAARBOEKEN. «7
die genoemt mogen wezen , die gefeiet zyn
voer dien dage, dat de voirfcreve punten over- dragen worden, wtgenomen van openbare on- daet, dair dan de gene byfettede, dair de oa- daet an gefeiet is, ende nyemant anders,inful- & ken manieren , dat onfe Heer voirfcreve , of zyn Amptluden , dair dat ondaet gebuert, dat wtrechten fall an den genen , die in den on- rechten vallet na den Lantrecht(i), fonderar- gelift. (»>
In den zoraer van dit jaar is 'er groote verande-
ring in de Regeering gekomen. Heda , Gout- hoeven en andere Schryvers vergeeten niet dit te melden, doch dewyl hun verhaal in veele omftan- digheden niet overeenkomt met het geen ik daac van aangetekent vinde in onzer Stadcs Raadts ea Buurfpraakboeken , hebbe ik gemeent de laatfte, als de geloofwaerdigfte , te moeten volgen , ea daar uit de befchryving te moeten opmaken.
De Raadt moetende vergaderen op S. Benedi-
ftus dag, hebben Jan van Licbtenbercb, Jan va» Clarenbereh Borgermeefteren, en Wouter Graivert Overfte Ouderman , kennifle gekregen hebbend* van een opzet, om hen te mishandelen, raadzaam geoordeelt de woede des volks te Qntwyken, ea
zich,
(1) Lantretkt. Verfta hier door den brief van Biffchop
Aarnoud VA» Hoorn, welke de volgende Biffchoppon by hun- ne aankotBft hebben moeten befi^eere.n , die re lezen is by Matth. lib? II. de Nobil. cap. 47. an in 't Utrechts Rlac- c»atb. I. Deel blade. 29.
(2) Van deze Overdrachte maakt de Heer Mattheu»
dikwils gawag, en heeft eenige woorden daar van nu en dan aangehaalt. Ziet by voorbeelt lib. n. de Nobil. xiv. p. JOL, 307. 34.8. & 35-7. de Jure Glad. xxxi. & ia Dedicat. de keb. Ultraj. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
UTRECHTSCHË 1413,
zich, twee of drie uren eer de Raadt by een zou-
de komen, uit de Stadt te begeven.
De beftemde dag gekomen zynde, is het volk
op de been geraakt, en heeft te weeg gebragt, dat noch dien zelven dag, de drie voornoemde Heeren, als mede Jacob Sloyer Henriks zoon , en Herman Grawert uit de Stadt zyn gebannen. En op S.Jans dag \sjacobvanLichtenberch(i^Proo& van S. Pieter aangezegt, voor zonnen ondergang uit de Stadt te gaan , en 'er een jaar lang uit te blyven. 'T zelve lot hebben ook mede moeten ondergaan Jan Knyf, Roelof Black) Gberyt van de Velde , en Joban van den Boffche $ welke een baftart zoon was van Jan van Lichtenberch. En Zyn uit den Rade , zonder banniffement, gezet Jan van Groeneiuoude , Laurens van Hamerjiein , Jan Keye, en Jan van Lichtenberg, Beerntszoon^ die van Heda Berent Proys genoemt word, wel- ken gelaft is een maandt lang in zyn huis te bly- ven en niet uit te gaan, en andere zyn in de ge- vangenifle gezet. Doch hier mede niet verge- noegt zynde, heeft de Raadt, thans naar den zin van 't volk geftelt, op S. Jacobs avont gelaft aan Laurens van Hamerjiein en Jan van Groenewoude,' uit de Stadt te gaan , ontnemende hen het borj gèrfchap, en Gheryt de Haan Ouderman eeuwiglyk, en Willem van Vlueten Ouderman, voor tien jaren uit den Rade geleid, en Dirk en Peter Grawert uit de Stadt gebannen, en WMem Willems zoon de Bogemaker Ouderman uit den Rade gezet: en
voorts
r
(i) Deze Jacob van Lichtenlercb Broeder van Jan, was
eerft Canonik ten Dom, en heeft in den jare 14.10. als Prooft TMI S. Pieter zynen eed gedaan, als m j gebleken is uit het re- giftcrbock van het Capittel van S. Pieter. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
i4t$. JAARBOEKEN.
voorts een groot getal borgers hun borgerfchap ont-
nomen , met by voeging, dat de gebannene niet zou- den vermogen eenige hunner goederen weerloos worden of overgeven , dan met toeftemming van den Raadt oud en nieuwe. Doch hier mede de Stadt noch niet genoeg gezui vert zynde van de aanhange- ren der Oude Regenten, heeft de Raadt des Woens- dags na Petri ad vincula verfcheide hunne borger- fchap ontnomen, ook zommige voor een tyt te water en broodt gezet, en veele hunne ftemmen in hun- ne Gilden benomen, en voorts verftaan, dat Wll- lam van Weeldet Herman de Vroede, Jan van Hol* lant, Wïllem Butendyk , Riq'wyn Jans zoon , en Henrik Jacob Vrederiks zoons zoon in geen vvftien jaren in den Rade zoude mogeti komen. En 's maan- dags na onzer Vrouwen dag aflumptio , heeft de Raadt metklokluydingedenvolke openbaar bekent gemaakt de Perfonen $ die uit de Stadt waren gezetj en wier borgerfchap voor hen ert hunne kinderen ontnomen was. Waar onder jbehalven deboven- gemelden \ genoemt worden , Manen Brunus zoon, BeerntPrvyS) Jonge BeerntProys t Jan van Lichtenbercb Beernts zoon , de Schout, Henrik Holle, Wittem Borre Wouters zoon, en ÏVïllem d& IVttte Andries zoon.
Het volk was wysgemaakt, dat deze Regenten
met hunne aanhangeren de Stadt Utrecht aan den Graaf van Holland hadden verkocht, en dat de Stadt eeritdaags op gelyke wyze als Gornicbemt onder zyn gebied zoude komen. De ftichtersvan dit oproer waren voornamentlyk Herman £i) van
Loc*
(i) Slfchtenhorft geeft voor,dat hier niet Herman > maar
acob van Lochorft, Hermans broeder, moét gelezen wot- en. Doch by verwart de uitzetting? in dit, en ia het jaar
l »t»f«
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
i3o UTRECHTSCHE 1413-
Locèorft Domdeken , Jan Spiegel, Tsbrant van
der A, en Gerrit van Damaffcbe. Onze Gefchied- fchryvers, als Heda , Gouthoeven , Pontanus , Slichtenhorft en andere zeggen , dat dit oproer beftookt zy door de vrienden van den Heer van Arkel, en zelfs dat de voornaamfte Edellieden van 't Sticht, als Brederoode en Montfoort, van den Biflchop vervreemt zynde, het volk hebben opge- royt, om die geene, die tegen den Heer van Ar- kel geweeft waren , uit de Regeering te werpen. Doch het komt my onbegrypelyk voor, dat de Heer van Brederoode en de Burggraaf van Montfoort, de hoofden van de Hoekfcbe partye, zouden vereenigt zyn geworden met Jan en Wittem van Arkel, hoof- den der Cabeljauwjïben , en dat die zich door de- zelve zouden hebben laten opzetten tegen hunnen Biflchop en tegen Graaf IVillem, die zich voorde Hoekfcbe partye altyd gunftig betoont hadde, te meer, indien ik hier door den Heer van Bredero- de verfta Walraven van Breder ode, den broeder van Jan, 't welk zeker fchynt, om dat Jan, zoo als wy hier voor hebben aangetekent, ontzet zyn- de van de goederen van zyn Schoonvader, en ge- Tangen gezet, en na de dood van zyn Vrouw lo» gelaten, gegaan is in dienft van den Koning van Vrankryk , alwaar hy in 't jaar 1415. in een Veld- flag,in welken de Engelfchen de overhant hadden, is gebleven. Ook konde Jan van Rrederode niet onder de Stichtfche Ridderfchap genoemt wor- den , maar wel Walraven, die tot eene Vrouwe had Jenne, erfdochter van Hendrik Heer van Via- nen, Ameyden enHaerlaer, zynde Ameyde te dier
tydt
141 f. gedaan, wanneer Jaeob van Lockbarfi, die Prttyi alt
Schout opgcvolgt was, is uitgezet. |
|
|||
|
|
|||||
|
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
|||
|
1413. JAARBOEKEN. 131
tydt een ope flot van 't Sticht. Deze Walraven
hadt onder Graaf ffillem tegen den Heer van Arkel gedient in het beleg van Gornicbem, en door hem gevangen zynde , was zeven jaar te Gorni- cbem gevangen gebleven , en niet dan door lift ontkomen: en na dien tydt eerfte Raad van Graaf Willem geworden zynde , is hy altydt een vyand van Üen Heer van Arkel geweeft, en na den dood van Graaf Willem, Jan en Willem van Arkel de Stadt Gornicbem weder machtig geworden zynde, heeft hy als Veldoverfte van Vrouw Jacoba Gorni- cbem wederom ingenomen , en is, fchoon over- winnaar, in dien ftryt gebleven. Zoo dat het on- mogelyk zyn kan , dat deze Heer van Brcderode door gunfte voor den Heer van Arkel, dewyl hy voor en na dien tydt altyd zyn vyand is geweeft, het volk tegen den Biflchop en de oude Regeering zoude hebben aangezet. Waar by komt, dat de Heeren van Brederoode altyd vrienden van de Stadt zyn geweeft, en de partye der Lichtenbergen aan- gehangen en gunftig geweeft zyn. Zoo derhalvea de Heer van Brederoode in dezen tydt geen vriend van den Biflchop is geweeft , moet zulks alleen toegefchreven worden aan het ongenoegen, op- gevat over de behandelingen aan zynen broeder gedaan, die door den Biflchop belet was bezitting te nemen van de nagelate goederen en heerlykhe- den van den laatften Heer van Abcoude , zoo als wy hier boven hebben verhaalt.
Wat de Burggraaf van Montfoort, Jan genaamt,
betreft, de reden van zyn misnoegen moet mede niet uit liefde en gunft voor den neer van Arkel afgenomen worden, maar kan men wel opmaken, als men nagaat,dat hy zynen broeder Ztueder op- volgende , geene bezittinge van Montfoort heeft
Ia kon*
|
|
||
|
|
|||
|
|
||||
|
|
UTRECHTSCHE 1413.
konnen verkrygen, dan onder verband van zich te
houden aan de zoene tuffchen Biffchop Florens van Weveünchwen en zyn Vader Hendrik gemaakt. Hier door zich verkort ziende in zyn goet recht, heeft hy eerft plechtig verklaart deze harde voor* waarden te moeten ondergaan , niet om dat hy rechts wegen daar toe verplicht was, maar uit vre- ze voor de macht des Biffchops. (i)
Ik geloof derhalven, dat de oorzaak van dit op-
roer en verandering in de Regeeringe zal geweeil zyn een misnoegen , 't welk de Heeren, die het volk aangezet hebben , onder voorwendfel dat de Stadt aan den Graaf van Holland verkocht was , gehadt hebben op die geene , die te dezer tydt het meefte in Regeering te zeggen hadden , en dus eene onmatige heerzucht om meefter te zyn, 't welk doorgaans de beweegoorzaak is van nayve- rige menfchen, die het in de Regeeringe niet naar hunnen zin hebbende, lichtelyk door valfche en on- ware uitftroijingen het volk aan den gang en op de been konnen krygen. Waar van ons de gefchie- deniffen van alle eeuwen overvloedige bewyzen opleveren. En hebben de aanftokers van dit werk dezen tydt waargenomen, waar in die van Bredero- de met die van Gaesbeek oneens , en de Heeren \&üMontfoort t'onvrede waren op den Biffchop.
0.000000e+000ze ballingen en uitgewekenen begaven zich
naar Amersfoort, alwaar zy ontfangen wierden ,en fchreven driemaal aan den Raadt, verzoekende
dat
(i) Ziet Matth. de Jure Gladii cap. xt. alwaar bladr. 144.
eene kenlyke mifflag begaan is indeaantekeninge van het jaar, termits 'er ftaat die brief gegeven te zyn in het jaar 1461. 't welk niet waar kan zyn, terwyl Biffchop Frtdcrilt van Slan- henkeim geftorven ia in 't jaar 14,13. zoo als wy op dat jaar sullen melden. |
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
1413. JAARBOEKEN. 133
dat men hun recht wilde doen, aanbiedende zich
te recht te willen ftellen voor den Biflchop. Doch
geen antwoord krygende , fchreven zy aan den
iflchop,en leverden aan dien hunne klachten over. Welke in 't generaal Capittel die brieven overle- verende , en hunne zake voorftellende, niet an- ders ten antwoorde kreeg, dan dat het geen tydt was om over die zaak te handelen. Dus door den Biflchop niet kennende geholpen worden, heb- ben de voornaamfte van hen heul gezocht by Her- tog ffillem van Beyeren, als Graaf'van Holland, die by opene brieven hen niet alleen in zyne be- fcherminge heeft genomen, maar vermits die van de Stadt Utrecht toegedaan hadden, indien iemand eenige dezer uitgewekene of gebannene dood- floeg , dat hy daarom niet zoude vervolgt wor- den , maar veylig op de ftrate blyven, heefthy aan de ballingen ook vergunt, indien zy borgeren of onderzaten van de Stadt Utrecht doodfloegen, dat zy vry zouden zyn van 't geen zy daar door tegen hem en zyne heerlykheid gebreukt zouden hebben: en indien zy nadeel in hunne goederen door de Stade Utrecht leden, dat zy de goederen der Utrechte- naars in Holland gelegen zouden mogen aantallen, en daar aan hunne fchade verhalen. En dit laatfte herft Hertog JVillem door noch eenen anderen brief aan de Regeerders der Stadt Utrecht laten We- ten, (i) Zoo dat die van Utrecht niet veilig kon- den komen in Holland.
Aan
(i) Beide deze brieven zyn gefchreven op onzer Vrouwen
avont purificatie, en te vinden by Matth. inPraefat.lib.nl. de Nobilitate , en in 't Utrechts Placcaatb. I. Deel bladz. 74.1. en 74j. door den Heer Griffier van de Water gebragt, om te bewyzen , dat volgens het oude Landrecht des Ge- itichts, niemand aldaar zyne goederen verbeuren mag.
I 3
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
|||||
|
|
134 UTRECHTSCHE 1413.
Aan den anderen kant heeft de Raadt dezer Stadt
niet ftil gezeten, maar alle oplettenheit gebruikt, om te beletten, dat de vrienden der ballingen, die noch in de Stadt waren, geene gelegenheit zou- den hebben om de uitgezetten te herftellen, en wrake te nemen over 't ongelyk hen aangedaan: Dus is dingsdags voorS.Jans dag dit volgende ver- daan : Om rufle en vrede in onfe Stat te houden en- de eendrachteïtch te ivefen, fyn die Rade out ende nye overdragen , off enig opftaen of vergaderinghe geviel er gent in onfe Stat, daer over onfe Over/Is out ende nyvoe om vergaderen wouden, fo feilen on- ze Overfïe out ende nywe op ten plaetfen vergade- ren , ende daer feilen H hem comen, ende bi bembli- vea alle die Rade out ende nywe van onze Stat, en- de nergent anders enigbe vergaderinge maken, of tot enigber andere vergaderinge gaen. Ende enicb man^ van den Rade out ofte nywe, die dit verbrake, die fel ewelic vut onfer Stat Rade wefen; wtgeno- men of er gent bernde binnen on je Stat, fo mogen die Rade, die in den vyerdel gefetenfyn, gelike andere ïuden te brande gaen, na der ouder gbewoentenvan on/er Stat.
Voert ivaert fake , dat yemant enicb geruft ofte
kry makede, ofte ryepe , dan bi den Rade out ende nye te comen, dien Joude men recbtevoert vatluden , ende fyn bals offlaen.
Poert fo en /el niemant om enichs gerufts vaille,
dat in der Stat vallen mach, tot enigher vergade- ringe ofte toeloop gaen ; mer een ygelic fel in finen buje bliven, ende daer niet w t gaen, t hen ivaerdat fy geboden worden bi den Rade out ende nywe te comen. Ende yemant die dit vsrbrake ,' die ver- buerde elc tien pont, alfb dicke ah hy dat dede , wtgenomen of er gent berndebinenn onfe Slat ,fo mach
een
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
-
|
||||
|
|
|||||
|
|
||||||
|
|
JAARBOEKEN. 135 >
een y geile in den vlerdel gtfeten te brande gaentt*
der ouder geixoenten
Ende yemant die énige vergaderinge makede bin~
nen onfé' Stat , dat tot onrufte droech , die fel een jaer later Stat wefen ende een mile van der Stat.
Voert verbiet die Raet out ende nye, dat nyemant
gbeen panzeren , zweerden of onredelike wapen en drage binnen onfe Stat ofte Statvribeit , dan byoer- love onfer Overften out ende nywe, by een koer van vyfpont , al/b dicke alft yemant dede.
De tegenwoordige Regeerders niet kennende
dulden, dat deuitgezetten aan den Graaf van Hol- land hunne klachten gebracht en hulpe verzocht hadden , hebben zich nader verbonden om de bal- lingen uit de Stadt te houden. Opmerkelyk is het befluit , 't welk zy 's maandags na onzer Vrouwen dag aflumptio genomen , en met klokkenflag aan 't gemeen bekent gemaakt hebben , in dezer voe- gen : Die Raet van onfer Stat out ende nye zyn overdragen eendracbtelic mit makanderen , en- de hebben bande aen bande getaft , want zy verftaen hebben dat een deel van de gene , die de Raet out ende nye gecorrigeert heeft , ende wt onfe Stat ge- fet fyn , ons ende onfe Stat beklaecht hebben , en on~ fe Stat befwaernijje aengedaen hebben (i), dat de Raet out ende nyemalcanderen biftandicbivefen zul-
len ,
(i) Volgen» de oude gewoontenten rechten der Stadt, té
lezen in het Utrechts Placcaatb. III. Deel bladz. z8i. moch- te niemant die troekig en misdadig worde weder de Stat t zyn ktagte brengen voor Hetren offonchcren, efvoor Vrouwen tf J-oncfrouwen , daer de Stat laf of fwaernifft afkomen machte. Doch dewyl de gebannen , zonder hunne tegenweer gehadt te hebben, waren uitgezet, en de Raadt op derzelver driewerf fchrjrven niethaddegeantwoort, en dus recht gewei- gert ; wat 'er voor hen niet anders overig , dan door de hul pc van Graaf f Vil h m te trachten herfielt te worden. |
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
UTRECHTSCHE 1413.
1
feu, f tule bi hore richtinge Uwen, ende dat zy noch
ebeen van hem weder in onfer Stat cotnen enfullen. Ende die Raet neemt hem allen hoer borgerfcap, ende allen horen kynderen , ende dat fy alle lafï, die Hem daer of 'comen mach, eendrachtelic weren «nde wederftaen willen mit horen live ende goede.
Ook heeft de Raad kwalyk genomen, dat de
Schout van den Prooft van S. Pieteren het Gerecht van Abcoude rechtsvordering hadden gedaan aan Hendrik Dirk Smeets zoon, borger dezer Stadt, en hem een gedeelte erfs afgewonnen hadden we- gens d'onkoften van eene gemaakte watermolen , verklarende die rechtsvorderinge nietig , en dat hy zyn erf ruftelyk gebruiken zoude; en indien ie- mand hem hinder dede in het gebruik zyns erfs , dat de Raadt dat verhalen zoude aan het Gerecht van Abcoude, of aan dien geene, welke het belet toebrachte. En tot reden van dit Raadtsbefluit word gegeven, want men na onfer Stat outfle r ech- ten ende gewoenten onfer borgeren arven nergbent tuf- fchen der Noyde en Bodegraven, ofte daern bynnen ommegaende , van fcbade beclagen , ofrecbtvorde- ringe daer op doen mach,
Dit byzonder recht der Utrechtfche borgers
hebben de Regeerders dezer Stadt zeer dikwils aangehaalt, en mannelyk verdedigt tegen de gee- nen, die rechtsplegingen over hunne borgers wil- den peffenen, als in't vervolg uit verfcheide voor- beelden blyken zal.
Voorts heeft de Raadt in dit jaar eene ordre be-
raamt op de Bedelaars, welke in volgende jaren dikwerf is herhaalt, en dewyl dezelve de gewoon- te dier tydt op dit ftuk, en de goede ordre op de armen gehouden, aantoont, hebbe ik nodig gepor- fïeelt dezelve hier in te laflchen.
Des
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN. 137
Des Woensdach na alre Apotlelen dach.
Dit is die Overdracbtc op ten armen laden t
die der aêlmiffen gheren.
In den yerflen, dat gheen arme iude in der ker-
ken , of op ter ftraten, afvoer der luden doer, broot ef aêlmiffen bidden en feilen, die alfo ft er c k van live fyn, dat fy boor broot ivynere moghen, het fi mit ambachten of mit arbeiden , fy fyn manne, iaive, knechte ofte kynder. ende yemant die dit verbrake, die verboerde ek een jaar die Stat, alfo dicke al/i yemant dede , ende een mile van der Stat te wefen. nat ge f onder t lutheemfche bedelaers , die moghen hier een atmael gaen bidden , ende niet langer, bi den felven koer.
Foert verbiet den Raet allen armen luden, dit
geoorloft werden feilen der luden aelmijfentebidden, dat fy in ghenen kerken bidden, ende gaen verder dan een roede bynnen voer elker kerc doer, ende ye- mant , die dit verbrake , die verboerde de Stat een jaer lanck , ende ene mile van der Stat, alfo dicke ah fy dat verbraken.
Voert verbiet de Raet allen befuyften lieden mit
enighe oevelen ofte ongemacken, die der bede leven, dat fy bynnen ghenen kerken bynnen onfer Stat en gaen verder, dan in der kerc duer, ende daer bli- ven ftaen. Ende yemant die dit verbrake , dat een man vaaer , dien f oude men fcuppen ; ende enich ivyf, die dit verbrake, diefoude de ft een draghen , ende daer toe verboerdenfy elc een jaer die flat, al- fo dicke al/} yemant dede.
Foert verbiet de Raet, dat nyemant van enigen
oevelen ofte ongemakken en bidden, by en bebbe een betoen van fine kerjpelpaet (i) mit fine open brie-
ven t
(i) Zoo ftaet 'et, waar door men moet vcrftaan de ker-
I 5 <pel- |
|
||
|
|
||||
|
|
|||
|
|
I3g UTRECHTSCHE 1413.
ven, die bynnen eks jaers gefcreven ende befegeh
w.
Voert verbiet de Roet allen onfen borgeren ende
onderfaten, dat nyemant tot enigber be/uyfter lude bedevaert en bidde, fy fyn out ofte jonck , ten fy by oorlove V Raets van der Stat. ende yemant die dit verbrake , die verboerde elc man twee maenden die Stat j ende ene mile van der Stat te tve/èn.
Voert verbiet die Raet, dat nyemant tttit enigben
monicken en f al gaen bidden bynnen onfer Stat, dan die boer termyn bier is, tben fy by oorlove 's Raets van der Stat. Ende yemant, die dit verbrake,- ver- koerde een jaer die Stat.
Den i. Oftober dezes jaars heeft Hertog Wtllem
van Beyeren Graaf van Holland, en zyn broeder Jan van Beyeren verkore Biffchop van Luyk en Heer van Woerden, handveft verleend op de Wa- terfchap van Bylevelt,als te zien is in het Utrechts Placcaatboek II. Deel p. 138. alwaar ook in 't ver- volg te vinden is de confirmatie van den Dauphin van Vrankryk , fchoonzoon van Hertog Wtllem, en van de Stadt Amfïerdam, als mede de Schouw- brief van Biffchop Frederik van Blankenheim in 't volgende jaar gegeven.
Ook heeft in dit jaar de Biffchop wederom veel
te doen gehadt met de Vriefen van Stellingwerf en Schotterlandt, niet nakomende de zoene over vyf jaren gemaakt, en is de Biffchop verplicht ge- weeft krygsvolk daar na toe te zenden, tot dat ein- delyk de gefchillen door de uitfpraak van zoens- luiden zyn vereffent, (i)
Eer
fpelpater, of voor kerftelpaet lezen kerfftffatp , 't welk *p
'C zelfde zal uitkomen, (i) Ziet Schotanui TH. boek van de Friefcke Hiftorien. |
||
|
|
|||
|
|
|||||||
|
|
1413. JAARBOEKEN. 139
Eer ik van dit jaar fcheide, moet ik noch aan-
merken , het my toe te fchynen, dat de Regeer- ders , fchoon eensgezint om de ballingen uit te houden , evenwel! begrepen hebben , indien het Graaf Willem ernft mochte worden, om de uitge- wekenen te helpen en hunne zaak aan te trekken, zy zyne macht niet zouden konnenwederftaan, zoo zy niet door een machtig heer wierden onder- derfteunt en bygefprongen: en dat zy, zoo niet openbaarlyk, ten minden onder de hand , den Hertog van Gelre hebben aangefproken, en ken- nifTe gegeven van hunnen toeltant, immers zyne vriendfchap gezocht , op hope van in tydt van noodt zyne hulpe te erlangen. Of liever, dat de Hertog van Gelre , die, als wy hier voor heb- ben aangetekent , een helper van den Heer van Arkel is geweeft, en eenen hefdgen oorlog tegen Graaf Willem gevoert heeft, fchoon thans bevre- digt, deze Regeerders aan zich heeft willen ver- plichten, en alle verfchillen, zoo over de terecht- ftellinge als over deTolrechten, tot dien tydt toe ongeflift zynde, tot genoegen der Utrechtenaars, uit den weg ruimen, en hen dus onder de hand te ftyven tegen den Graaf van Holland, dewyl het zeer tegen zyn belang zoude hebben geftreden, dat het gebied van Holland zich over Utrecht zoude hebben uitgeftrekt. Hier toe geven myaanleidinge twee brieven door Hertog Reynout in 't eynde van dit jaar gegeven, welke, door my op ons Stadshuis gevonden en uitgefchreven, om dat ik ze tot noch toe nergens gevonden heb, ik geoordeelt hebbe hier in te moeten invoegen.
Wy Reynalt bi der genaiden Goids Hertoge
van Gulich ende van Gelre, ende Greve van Zutphen, doen kont allen luden, die defen ope- |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
nen
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
I4o UTRECHTSCHË 1413.
nen brief foelen fien of horen lefen , ende be-
kennen mit defen felven brieve openbairlich , dat wi omme onfe, ende onfe lande, lude en- de onderfaten nutte ende oerber , ende oick omme defelve onfe lande, lude ende onderfa- ten voirfcreve te bet in rufle ende in vreden te halden, mit guede wale bedachten voirraed ons felfs, ende onfer vriende van onfen raide, over- dragen ende overcomen lyn mitten eerfamen luden Burgermeyfteren, Scepenen, Raide, en- de andere borgeren.ende onderfaten ghemeyn- lich der Stat van Utrecht, eynre vrientfcap en- de eyndrechticheyt te hebben, ende te halden in der formen ende manieren, als hier na be« fcreven volgt, aengaende op ten dach van hu- den datum des brief s, ende voirt te dueren en- de te wefen, alfo lange alswiHertogevoirfcre- ve leven foelen.
In den yerften, fo is te voeren in verfcheyden
,', ende gevoirwert,dat wi Hertoge van Gulich ende van Gelre voirgefcreve dier voirfcreve Stat van Utrecht , noch hore burgere ende onderfeten, die nu fyn off wefen foelen, vyant nyet wefen noch werden en foelen, noch hem enige fcha- de doen oflgefchien laten uyt onfen landen , machten ende gebieden, noch oick dair weder in; nier wi foelen na onfer machten verhoeden doen, dat des nyet en gefchie, ten worde yrft van der Stat wegen , of van den burgeren off onderfeten van Utrecht voirfcreve, of uyt, of w in hore Stat machten en gebieden alfo verhaelt op ons , of op onfen fteden, floten, landen, ',, luden of onderfaten , fo dat ons kenlike noot w dede dit te wederftaen , dat wi dan doen mo- gen. Voert fo foelen de burgers ende onder-
fe-
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||||
|
|
JAARBOEKEN. 141
feten der Stat van Utrecht mit live ende mie
goede in onfen Steden , landen ende gebieden verantwert ende befchermpt wefen ende wer- den , gelikerwys als in der Stat van Utrecht voirfcreve , off in hoere machten of gebieden. Ende alle de burgers ende onderfeten dier zel- ver Stat van Utrecht voirfcreve foelen in ende doir allen onfen fteden, landen ende gebieden, beyde te watere ende oick te lande, moegen varen, comen ende keren voirt ende weder,fo wanneer, ofwaer, fys te doen hebben, onge- croet ende ongehyndert, hoere ooemanfchap ende andere faken in redelicheyde te hantieren ende te bedryven op hoere rechten ende ghe- woenliken tolle, ende ander ongelt te betalen. Ende men fal den burgeren ende onderfeten der Stat van Utrecht van enigen aenfpraken of vor- deringen, die fy hebben moegen in enigen van onfen Steden , landen of gebieden, onvertoi- gen recht doen gefchien nae gewoenten der Stede, of lande, dair dat gelegen were , ende gebuerde te gefchien. Mer wairt fake, datwi of de Stat van Utrecht , of enichs burger of onderfete totten anderen van ons, of tot eni- gen van onfen, of van hoeren burgeren of on- derfeten , eniger vorderinge of aenfprake had- den of cregen, die men niet met gevoegen ne- der geleggen en conde, op dat daer ofenighei- ne veetfchap, noch ander twiftlike faken op en ftaen, noch en gevalle van engheyre fyden,en- de om dat te verhoeden, fo is gevoirwairtende verdragen , dat wï Hertoge van Gulich ende van Gelre , of onfe onderfeten , die dies te doen hebben, onfe, of dier felver onferonder- feten, aenfpraken, of gebreken, befcreven en- |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
|
|
., de
|
||||
|
|
|||||||
|
|
|||||||
|
|
||||
|
|
U T R E C H T S C H E 1413.
de befegelt overfeynden foelen bynnen der Stat
van Utrecht aen den Raide van der Stat, ende dan fo fel defelve Stat van Utrecht, of hoere burgeren of onderfeten , die dat aenghienge , hoere antwoirde dair op maken , ende foelen die bynnen den naeften vier weken daer nae , dat hem de voirfcreve aenfprake worden, were eith befcreven ende befeghelt mitter felver aen- fpraken , ende mit tween van den Raide van der Stat van Utrecht, feynden in onfer Stat van Arnhem bi onfen Raiden , die dan dair wefen foelen, ende die felven onfe ende oick der Stat van Utrecht voirfcreve Raide foelen die felve laken uytrichten ende eynden mit rechte, dat fy famentlich ende eyndrechtlich dair overfpre» ken foelen , of mit mynre bi weten ende ge- volchnifle diere partyen , die dat aenghenge, ende foelen die felve richten ofte mynnen dien voirfcreve partyen te beyden fyden befcreven ende befegelt overfeynden bynnen den naiften vier weken daer na, dat fy alfo in onfer Stat van Arnhem comen ende vergadert weren. En- de omme enige aenfpraken of gebreken, de de Stat van Utrecht, of enich van hoeren burge- ren of onderfeten hedden aen ons of aen onfen onderfeten , die foelen fy oick befcreven ende ,i befegelt overfeynden binnen onfer Stat van Arn- hem voirfcreve in onfen hof aldair aen onfen overften Rentmeyfter ter tyt onfer lande van Gelre, ende dan fo foelen wi, of onfe onder- feten, die dat aenghienge, onfe, of der felver onfer onderfeten antworde dair op maken doen, ende foelen die oick binnen den naeften vier weken dair na, dat ons de voirfcreve aenfprake geworden were , oick befcreven ende befegelt
mit-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1413. JAARBOEKEN. 143
mitter felver aenfpraeket, ende mit tween van
onfen Raide feynden in de Stat van Utrecht by de Raide van der Stat aldair, ende de beyde onfe,ende oick dier Stat van Utrecht voirfcreve Raide, foelen defelve faken dan oich uytrich- ten ende eynden mit rechte , of mit mynnen, ende den partyen oich ten beyden fyden befcre- ven ende befegelt overfeynden bynnen diertyt, ende in alre manyeren, dat van onfen endeon- ^ fer borgeren ende onderfeten gebreken, ende van hoeren uitrichtingen voirgefcreven fteyt. Ende fo wat dat enigen van ons Hertogen van Gulich ende van Gelre, of de Stat van Utrecht voirgefcreve , of oich onfer enichs burger of onderfeten alfo overfacht worde , dat fal ellich den anderen dan volcomelich ende onvertaichc doen of halden en wolde , ende daer tegen de- de, fo foelen wi hem, of fi, dair toe dwingen, ende halden mit live ende mit guede, dathy, of fy, hem dair mede laetengenuegen: ende hed- ., den wi des engheyne macht, fo en foelen wi n dien man ofluden engheyne verwarde noch ge- leyde geven in onfen landen, machten, of ge- bieden te comen of te bliven, ter tyt toe, dat hy, of fy, die gewalt afgedaen hedde, of liedden, ende gehoerfaem were, of weren , recht ende ,, befcheyt te geven, ende te nemen , geluch voirgefcreven fteyt. allen argelift in allen ende yegeliken voirfcreven punten ende vorwerden alentlich uitgefeecht.
Ende wy Hertoge van Gulich ende van Gel»
re voirgenoemt hebben geloeft ende geloven in gueden trouwen den voirgenoemde Burgermey- fteren, Scepenen, Raide, burgeren, ende on- derleten der Stat van Utrecht, die nu fyn, en-
de
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
,44. UTRECÜTSCHE 1413»
de wefen foelen, alle defe felve voirfcrevepun-
ten ende ellich daer of befonder , vafte , ftede ende onverbrekelich te halden , alfo lange als wi leven foelen , gelyck dat oich voirfcreven fteyt: ende hebben dies te oirconde , ende fte- dicheyde onfe fegel van onfer gerechterwetent- heyt aen defen tegenwoirdige brief doen han- gen. Gegeven in den jare ons heren dufent vier hondert ende dertien, des goedendages op finte Lucien dach der heyliger Joncvrouwen, dat was op ten derthienften dach van dermaent December.
Per dominumDucem ,prefentibus
de confilio Domino JoanneSche- lart de Obbendorp milite, magi- ftro curie , Arnoldo de Piecke Reddituario generali Gelrie, U- done de Boefe magiitro coquine , ac Arnoldo de Boecope armigero.
De tweede brief betreft het Tolrecht door de
borgers van Utrecht in Gelderland te betalen, en is van defen inhout:
,, Wi Reynalt bi der genaeden Goids Hertoge
van Gulich ende van Gelre ende Greve van Zutphen, doen cont allen luden, ende beken- nen mit defen openen brieve, dat wi omme fon- derlinge gunfte , liefde ende vriemfcap , die onfe voirvaderen ende wi gehadt hebben ende hebben totter Stat van Utrecht, ende hoeren ,, burgeren , ende omme fonderlinge dienft ende gunfte , die fy ons gedaen hebben, ende , of Got wil, noch doen foelen, mit goiden voir- ,, Cen ende wail beraden, ende oich bi guetdunc- ken onfer Raide ende vriende, gegeven heb- - - » |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
Hi3- JAARBOEKEN. 145
,j ben , ende geven , voir ons , voir onfe erven
ende nacomelingen tot ewigen dagen duerende ,; der Stat van Utrecht voirfcreve , ende horen burgeren, alfulken tollerechten ende vryheiden vryliken te gebruken , als hier ria befcreven ftaen.
In den yerften foelen die burgers van Utrecht
alle hoere guede, die fy doir onfen landen van Gelre, fo wair die gelegen fyn, over lam vue- ren foelen , voir de yerile tollen, dair fy voer comen foelen , vertollen in der manieren nae befcreven, ende foelen dair desTolners teyken nemen, ende met dien teyken die reyfe over all an- ders doir onfen landen van Gelre voirfcreve voirt vry ende ledich varen, dat is te weten, dat de bur- ,, gers van Utrecht voirfcreve alle hore guede , die fy over lant brengen ende vueren foelen, ende over den Ryn, over den Wale, of over den Mafe, ghins of weder comen foelen, ver- }, tollen foelen in defer manieren : Alfe Van eyn- re manhenen merferien mit polmaten zyde , zudenwerc, guldendoeke, zilverdoeke, cruyt, of diere gelycke,ende alle guede van gewichte» voir der yerfter tollen voirfcreve geven foelen eyn quartier van eynen gueden guldenen alden Engelfchen nobel , ende de manhene fal we- gen vier hondert ende vyfiich pont ende nyet meer. Item van eynen packe pelferien , oich wat wildewerks dair in beflagen is, eyn quar- tier van eynen Engelfchen nobel voirfcreve , uytgenomen lampsvelle, huekenvelle ende vach- ,, ten,die foelen geven den hönderften penninck van der weerde des guets, alfo alfe dat laetfte ,, ingecoft were , ende niet meer. Ende desge- lycks foelen fy geven van eynre balen fyfteyns
K eya
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||||||
|
|
UTHSCHTSCHE 1413-
ey» gH»«i*F van eynen nobel voirfcreve. Voirc
n van eynen packen gewants falmen te tolle ge- v«n, ajs voirfcreyen i?, van eiken ach tien heel- re gaverwede? iak§n , of van zefTendcrtich on- |
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
geverwede? , ajs witte ef grawe heelre laken
|
|
,.
|
||||||
|
|
|||||||||
|
|
v eynen halven Engelfchen nobel voirfcreve , en-
ée fo voiK »eer of min , nae deu getaele van d«n is»k^n> Jtem van allen anderen gueden , die hi?r nyet ynne benoemt en fyn , foelen fy geven veer der yerfter tollen voirfcreve , dair. fy «ken ?-emeH foelen , den honderften penning, ajf<a als ^at laetfte ingecoft is , ende oich niet meer. I^era van alle wagenen of kerren , die goet geladen hebben , falmen gevqn voir der ygri\ep lollea v-aa eiken peerde , dat in den tou- wen ghe« , eynen halven aldea Vleemfchen v greEen, ftf de weerde dair voir; per anders en fölraen va.B den wagenen of kerren enghenetol- Ie of o»gel« ge-v§n , beheklyk die guede , die daif o-p w«ren , te vertollen , als voirfcreven v is, Voiw voir alle andere onfe tollen in der Ve- lywen > of anders , fo wair wi die leggende hebben, in onfen landen van Gelre, foelen de burfcers van Utre/eht hpere guede vertollen voir ,.,. de yepft^r tollen , dair fy aeneotnen foelen , alfe dair gewQenlic is te vertollen van anderen vreem- den luiden , die onfe onderfeten niet en fyn ; en- de mit diere t&llen foelen fy die vairt voirt vry varen ©ver al in onfen lande van Gelre voir- fcreye , ende dair eyn teyken nemen als voir- fcrev*0 is,
Van der watertolle tot ^utphen ende tot Yfel-
9> oirde is overdragen, dat de burgers van Utrecht varen ende keren foelen op alfulken onfen tol- len dair te geven, als dak gewoealic is, yan m-
n deren
|
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
|
||||||||
|
|
|||||||||
|
|
||||||
|
|
JAARBOEKEN*
deren vremden luden , nae inhak der cedu-
len , die wi der flat van Utrecht voirfcreve i dair van hebben doen geven : ende die tollen en falmen hem nyet verhoegen binnen eniger merften , of daer buten ; mer tot alr« tyt mit eynvoldiger tollen te betalen, fonder enich an- der ongeh.
Voirt fyn verwerden , dat die bürgefs Van
Utrecht bi hoeren gueden wefen foelen , of eynen goeden man dair by hebben ,die datguec verantwerden mach mit fynen gebalde, of die Tolnaer wille ; mer weert fake, dat de burger dair by nyet comen en dorften of en mochten, fo foelen die burger, tot vermaninge onfsTol- ners, hoere behak doen voir den Raide van der Stat van Utrecht, ende die Raic van Utrecht fal des dan onfen Tolner voirfcreve dair bethoe» ne of feynden mit hoeren brieven, hier ynne fyn gefondert ende uytgenomen alle der burger voirfcreve guede , die fy op onfen ftromen op- ,, wens of nederwerts voir onfen water tollen vue- ,, ren, of brengen foelen, alfe dat die dair geven ende vertellen foelen , alfe dair gewoenlic is, ende alle ander vremde lude dair te geven ple- gen; beheklich hem des wi hem in onfen tol-1 len tot Zutphen ende tot Yffeloerde toe gege- ven hebben, als voirfcreven fteyt. Ende in al- len defen punten voirfcreven fyn wtgefcheyden |
|
||||
|
|
||||||
|
|
alle arch ende Me.
Alle defe felven voirfcreven tolrechtett, vry-
heden ende punten, ende ellich bifonder, heb- ben wi Hertoge van Guliqh ende van Gelre, ende Greve van Zutphen voirgenoemr geloeft, ende geloeven voir ons, onfe erven ende mtco- melingen voirfcreven, der Stat van Utrecht, ^ Ka ende |
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
i48 UT RECHTSCHE 1414.
ende horen burgeren , vafte ende ftede te hal.
,, den , tot ewigen dagen , ende niet te verbre- ken in eniger wys: ende nebben des te orconde onfen fegel aen defen brief doen hangen. En- de omme de meerre orconde ende veftenifleheb- ben wy geheyten ende gebeden onfen lieven getrouwen Raiden ende vrienden, heren Johan Schelart van Obbendorp , Ridder', onfen ho- vemeyfter, ende Arnt Pieck onfen Rentmey- fter onfer lande van Ghelre ter tyt, hoere fege- len mede aen defen brieve te hangen. Ende » wy Johan Scbelart van Obbendorp, Hovemey- fter , en de Arnt Pieck Rentmeyfter voirge- noemt, want wy hier over ende aen geweeft hebben , dair defe faken voirfcreven aldus ge- fciet fyn , hebben by geheyte ende gebode ons genedigen liefs heren van Gelre voirge- noemt, onfe fegelen mede aen defen brief ge- hangen. Gegeven in 'tjair ons heren dufent vier hondert ende dertien,des goedensdagesop Sinte Lucien dach, dat was de dertiende dach der maent van December.
PerdominumDucem,prefentibus
de confilio Udone de Boefe , magiftro coquine, ac Arnoldo de Boecope, armigero.
1414.
In het jaar 1414. is de Regeering geftelt als
volgt:
Schepenen.
Volprecht van Amerongen, Borgermeifler.
Vrederic van den Spiegel.
TT
% . vre-
-
|
|
||
|
|
||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
14*4. JAARBOEKEN. 149
Vrederic van Drakertborch.
Johan Pot.
Johan de Coninc.
Yfebrant van der A.
Claes van Loenen.
Johan over die Vecht.
Johan Jacob Egberts zoens zoen.
Vrederic Marten.
Willam van Zulen.
Melis van Mynden.
*
Raden!
Gheryt van Damaflche, Borgermeifter.
Ghifebrecht van Galencoop.
Claes Ketelaer.
Jan Pot, Jans zoen.
Jacob Vrederics zoen.
Henric Lichtenap.
Jan Knwt.
Tideman de Lange.
Jacob Herboert.
Henric van Endoven.
Vale van Goudenberch.
Roelof die Kraen.
Huge Grawert.
Jan Droem.
Henric Aernt Rams zoen.
Dirc Pyl.
Aernt Willam, Aernts zoens zoen. .
Jan Schavert.
Peter Scrodekyn.
Jan van Tyel.
Tyman Pyl.
Peter van Voskulen.
K 3 Jan
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||||
|
|
U T R E C H T S C H E 1414.
v
Jan Witvoet.
Henrick Haeck Hubrechts zoen.
Oudermannen.
1
Jan van der A, Jacobs zoen
Ghifebrecht van tel Ryn. Wouter Pawe. T c . , Gheryt Brabant. >Smders- |
|
||||
|
|
||||||
|
|
Dirc van der Weyde. > rr.r ,
Claes Elgher. > Vifchcopers.
Henric de Witte Janszoen., L
Jacob Haeck.
Peter Hugen zoen. l Woliewevers
Willam Jacobs zoen/
Aernt van Cleve. > 1vrQr.,T,.
T j ixr j j f Marsluden.
Jan van der Wedde. J
Claes Sabel. > R
Herman van Oudewater de Jonge.* J
Claes Boer. } Cordewaniers.
Jan Scholppe. J
Tan Claes zoen, T ^ 3 i
jan van Wefel. > Oudecordewamers.
Tideman Dedel. -, n
Henric Staecke. > C^encopers.
Eyert van Strimoet. T .-. *..»
Joian Gbifebrechts Zoen.> Oudcwamfmders.
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
1414. JAARBOEKEN*
Ghïïyt vVde? WyerfJ Stèèftbiekrtl.
Tideman van Hamerftein, Qverite Oa-j (
derman. ? t .
Symon Walmen J
Tideman van Dorflchen , Overfte-j
Ouderman. V Ri4öifmdrt.
Dirc van der Meer. J
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
Michiel Zulen.
Claes Florens zoen
In dit jaar is in de Stade , als mede in het Sticht.
niet veel gedenkens waardig voorgevallen. Al- leenlyk hebbe ik bevonden , dat de Regeering, niet onbewuft,dat'er noeh veelemenfchéft in hun- ne Stadt waren , die de ballingen gunfttg waren» veele oplettenheit heeft gebruikt omtrent de ver- zekerheit van hunne Stadt , en de ftavinge huns gezags : weshalven zy des Saturdags na Paali con- verfio, even voor de verzettinge van de Regeering» verboden hebben alle, die in 't vorige jaar Ikbtelyk, dat is zonder verlies van borgerfehap, geftraft wa- ren > als mede hunne kinderen > in hunne gilden te loten en te ftemmert. Voorts hebben zy, een gemeen Capittel , of, zoo als wy nu zouden zeg- gen , eene Staatsvergadering, in de maand Fèbrua- rius uitgefchreven zynde , getracht zorge te dri- gen , dat by die gelegenheit geene verandering zoude voorvallen , en des Saturdags na onfer Vrou- wen dag te LichtmüTe* dit bèfluit genomen en ter klokke uitgekondigt : Heden over atbt dagen W
K 4 bier
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
||||||
|
|
U T R E C H T S C H E 1414.
bier een gemeen Capittel we/en , des gkeeft men ge-
leiden allen Heren, Ridderen, Knapen, Stedera~ den, ende goeden luden in den lande van Utrecht, die hier then Capittel comen feilen , ende mït om Heren brieven van Ut recht, offmitter Eccleften brie- ven van Utrecht, then Capittel dan geboden, of ge- beden , feilen worden , mer die Raet van der Stat verbiet enen ygeliken , dat nyemant bynnen den ge- leide voirfcreve , en ghene hernafch bynnen onfer Stat en draghe , noch dan aen en hebbe, iiatgeno- men de ghene , die onfe Raet dan van horen borge- ren , ende onder/aten in den hernafch bieden ende hebben fel, o m ruft e en vrede in onfe Stat te hou' den. Ende yemant, die anders enich hernafch dan droege , of aen hadde, die verhoorde dat hernafch , ende die van bitten onfer Stat waer, en zoude daer toe zyn geleide geen {lade doen, off hy op ymant vocht of per lament makede.
Om die wel te verdaan, moet de Lezer weten,
dat in die tyden niemant vreemts indeStadtmoch- te komen, ten zy hy gcleyde voor hem en zyn gevolg van denRaadtverzocht en verkregen hadde;die zulks
fewoon was toe te ftaan, voor eenen zekeren bepaal-
en tyd, onder voorwaarde, dat onder het gevolg geene ballingen, geene die de Stadt breuken of boe- ten fchuldig waren en niet voldaan hadden, of die om hunne misdaden uit de Stadt in vorige tyden
feweken waren , gevonden wierden. Waarom
e namen duidelyk moeden opgegeven worden. En dit hadde niet alleen plaats , wanneer vreem- de Vorften of Heeren in deze Stadt kwamen, als by gelegenheit van de verkiezinge van eenen nieu- wen BifTchop, wanneer veele voorname Prin9en, Vorften en aanzienlyke Heeren of zelfs zich naar deze Stadt begaven, of Gezanten alhjer zonden,
om
|
|
||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
I4U- JAARBOEKEN. 153
om iemand hunner vrienden of gunftelingen tot
den openftaanden ftoel aan tebeveelen. Alsmede wanneer Tournoy en Steekfpellen alhier geviert wierden (i) of by andere voorvallen; maar zelfs moeft een Biflchop, fchoon hy den eernaam van Heer van Utrecht droeg , voor zyn gevolg, als mede alle luiden van het Sticht, geene borgers dezer Stade zynde , geleide hebben, eer zy de Stadt intraden. (2) Gelyk in dit geval , wan- neer een gemeen Capittel zoude gehouden wor- den , waar in anders geene , dan Stichtfche lui- den, zittinge of ftem hadden. Zoo ook ten tv- de wannneer Dykgraaf en Heemraden van den Lekkendyk hunne rekeningen, die in een gemeen Capittel gehoort wierden , zouden doen, wierd 'er geleyde gegeven allen den genen, die tot de rekeningen komen wilden, duerende twee dagen voor en twee dagen na. (3) Ook wierd in deze Stadt jaarlyks eene vergadering van geeftelyke lui- den, of, zoo als het meermaals voorkomt, van het Synodus, of de gemeene Priefïerfchap, uit Holland en uit Zeeland gehouden. En fchoon dezelve al- leen uit Geeftelyken beftont, zoo mocht echter niemand van hen in deze Stadt komen, ten zy na vergunninge van een vry geleyde. (4) En wierd
deze
,
(i") Geviert wierden"] Waar van ik gewag gemaakt vincle
jn de Buurfpraakboeken, donderdags na onfer Vrouwen dag te Lichtmifle 13J>6. opS.Jans dag decollatio 1441. faturdag* na S. Pauli convcrfio 144.7. en meermalen.
(i) Intraden] Ziet hier van voorbeelden by Matth. H. de
Nobilit. ij.
(i) Twee dagen n&] Hier van zyn voorbeelden te vinden
in de Buurfpraakboeken, des dingsdags na Judica 1410. Son- dags na Judica 1411. en meermalen.
(4.) Vrygeleyde] Als in dit zelve jaar op S. Lambrecliti
Mifle
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
I54 UTRECHTSCHE 1414,
deze vry geleyde ter klokke uitgekondigt, op dat
een ieder weten koftde, walke vreemde luiden in de Stade waren , en hoe lange hun verblyf bepaald was. En zo zy langer dan den gezetten tydt in deze Stadt wilden vertoeven, moeiten zy verlanginge verzoeken, of anders de Stadt uitgaan.
Alleen waren hiervan uitgezondert,die op den
gezetten marktdag des Saturdags koorn, en andere «etwaren naar de Stadt brachten, die geleyde had* den van Vrydags tot Sondags daar aan volgende, volgens de oude rechten en vryheden dezer Stadt, als gebpekt ftaat in het Buurfpraakboek woensdag na onzer Vrouwen dag nativitatis 1427.
Om dezelve redenen hebben de Regeerders
nauwkeurige ordre geftelc omtrent de bewaringe der Stadts Poorten, dat die 's nachts gefloten ble- ven, en niet geopent wierden, dan met behoor- lyke voorzorge; en ten dien einde des maandag» na S. Bartelmeus dag dit befluit genomen : Over- droegen die Kade van onfer Stat out ende nywc, dat men van defer tyt voert gbeen van onfer Stat poor- ten , after den tyt, dat zy gefloten zyn, weder op- fluten en fel, om gbeenrebande faktn wil, tben/y by onfen achten outjlen out ende nysue , of die d&n van bem bynnen onfer Stat fyn. Dat is te verflaen^ by boren wete ende wille , ende datter ten minflen vier der oudjler, als tvje ny-we ende tiue der oude, by zyn , daer men die poorten op ende voeder toeflu'en fel. Ende enicb Outfte, of man van onfen Kade,
dit
Miffe, en vervolgens jaarlyks. Deze rergadering beftond
uyt geeftelyke perfonen uit het Sticht, Holland, Zeeland, Vriesland, en ook uit den lande vanGelre, om dit geeft elykt geboden te heren t» bare faeramenten tt entfangen , als 'er gezegt wort des Vrydagei na Johanuis ante portim Later. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN. 155
éie on/er S f at poorten anders by nacht e opfïote, alt.
fy gefloten waren , die enfoude van diere tyt voert in onfer Stat Rade niet meer fitten. Mer quamen éie Óutfte totten luden van den Rade, die de flote- len hadden , ende die Outften bem zeiden, dat fy confente hadden, daer mede waren die Raetsluyden (fuoyt, ende die fake quam op ten Outften.
Ende enicb poortier, die dat -oerbrake, "jiaerfyn
bergerfcap qvayt ende jyns ambochts, endeby en ftl nimmermeer -weder borger mogen -worden.
Deze voorzorg was ook zeer nodig, vermits de
ballingen niet ftil zaten, maar alle middelen in het werk ftelden om de Stadt te winnen, en ten die» einde eenig volk by een gebracht hadden, en met kennifle hunner vrienden,die zy noch in de Stadt hadden, getracht de Stadt te vermeefteren. Doch hunne aanflag mislukt zynde, is'er wederom eend nieuwe Rechtsoeffening gefchiet , en zommi- ge , als Jan en Braam van Lantscroon, Lambert en Alfer van Lichtenbercb, voor eene reeks vanja- ren , andere voor altoos hunne ftem in hunne gilden benomen , verfcheide in de gevangeniflen gelegt, zommigen , als Pelgrim de Wael en tfölUm ds yerwer^uit den Raadt gezet,meyneedigverklaart en voor eeuwig gebannen, en Herman tfoutman het leven benomen. In den brief van Hertog #?/- lem van Beyeren, waar by hy de ballingen in zyne befcherming neemt, te vinden by Mattheus (waar van ik in 't vorige jaar meldinge gedaan hebbe) word Herman tfoutman gezegt gevangen, fwaar- }yk gepynigt en onthooft te zyn, en in het Buur- fpraakboek van dit jaar op S. Lebuyns dag in den Winter, vinde ik dit van hem aange teekent: Want tier man Weudmande verraderie vaift van der over' om tnje Stat te winnen, die onfer ghemeetf
re
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||
|
|
I56 UTRECHTSCHE 141-4.
re Stat mannen ende ivive, jonge ende oude, ghee*
/Mie ende vaeer lic ,gefchiet joude hebben van den ghe- nen, die wt onjer Stat ballinge gefèt fyn, met gro- te vergaderde volke,ende Herman binnen onjer Stat tot diere verraderien ende overvalle , infèt, hulpe ende op/e f , verworven ende gemaect badde, dat hy felver gelief ende bekennet heeft, dair om fel men dat rechten milten rade aen fyn lyf. Hoe dit overeen.te brengen is met den voorgemelden brief, die eenjaar te voren is gefchreven , heeft groote fwarigheit. 'T is wel waar, dat ik dikwils ondervonden hebbe in het nazien der oorfpronkelyke , of uit de oor- fpronkelyke afgefcKrevene brieven, op ons Stadhuis beruftende,dat veele der oude brieven, door Mat- theus uitgegeven , met verfcheide misflagen zyn gedrukt, zelfs in de ondertekeningen der dag en jaartyden. Doch alle de oude brieven, die noch op ons Stadhuis overig zyn, nagezien en zelfs uit- gefchreven hebbende, hebbe ik onder dezelve den voorgenoemden brief niet gevonden, en dus niet na konnen gaan, of'er een misflag in de naam, of in den tydt begaan is. Ook fchynt dit hier geen plaats te konnen hebben , om dat het zeker is, dat de ballingen in het vorige jaar geene behoorlyke te recht ftellinge by den Raadt, noch hulpe by den Biiïchop hebbende konnen krygen , hun beklag gedaan hebben aan Hertog Willem^ en van hem in zyne befcherming zyn genomen. En dat de Raadt hier van kennis gehadt heeft, blykt uit hun befluit, 't welk wy hier boven bladz. 135. aan- gehaalt hebben. Ook is het niet waarfchynelyk, dat deze Herman Woutman een ander is geweeft, dan die, waar van Hertog Wtllem in zynen brief gewag maakt, dewyl, volgens de gewoonte dier tyden, daar dan ter onderfcheidinge van andere ,'
'erby
|
||
|
|
|||
|
|
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
1414- JAARBOEKEN. 157
'er by gevoegt zoude zyn wiens zoon hy was.
Schoon dit niet altydt opgevolgt is , dewyl men een voorbeelt van het tegendeel in het volgende jaar vind , waar in onder de Raden vermeld word Eer/} van der A , en onder de Oudermannen van het Wantfnyders gild ook Eet -ft van der A , wel- kers eene de zoon van Alfer , en de andere de zoon v&nTsbrant worden genoemd in het Buurfpraakboek, des vrydags na midvaften 1417. Te ftellen , of dat in 't vorige jaar deze tf^illem JVoutman in de ge- vangenifTe gebracht is, en dat het gerucht ter ooren der ballingen gekomen zy, dat hy zoo mishandek en reets onthoofd was, en dat zy zulks te voorbarig Hertog Willem bekent gemaakt hebben ; ofdathy reets te dier tyt ter dood veroordeelt is geweeft, zonder dat het vonnis ter uitvoer gebracht is , ftryd tegen 't geen ik in 't Buurfpraakboek van 't vorige jaar op S. Jacobs avont aangetekent vinde , alwaar onder de geene , die alleen hun borger- fchap ontnomen is, zonder uitzettinge uit de Stadt, genoemt worden Wïllem , en Herman Woutman , waar uit men moet opmaken, dat hy tot dezen tydt toe onder de minft medeplichtigen gerekent ge- weeft is.
Het komt my voor, dat deze Herman Woutman
na dat hy ontborgert was, in de Stadt zal geble- ven zyn , en niet nagelaten hebben met de bal- lingen kennifle te houden , en wel zoo verre , dat hy zich fchuldig gemaakt zal hebben aan 't geen van hem in het Raadsbefluit op S. Libuyns dag aangetekent ftaat. Hier toe geeft my aanleiding, dat onder die geene , die dingsdag na Viéloris in 't volgende jaar 1415. hun borgerfchap weder ge- geven is , vermeld wordt fFïlIem , en niet Herman |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
Ia
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
||||
|
|
UTRECHT S C HE ^4.
In dit jaar heeft Simon Trinde en zyn huisvrouw
eenig Land overgegeven aan het Gafthuis van S. Barbara , waar voor de Broeders en Regeerders van dat Gafthuis zich verbonden hebben tot ze- kere plichten, welke nagezien konnen worden by Mattheus lib. i. Fundat Eecl. sa.
De clauftrale huizen van het Capittel van S.Pie-
ter, gefchikt ter inwoninge van Prooft, Deken, en Canoniken van 't Capittel, door wereldfche veeltyts bewoond wordende tot ongerief van die kerk, heeft het Capittel in dit jaar daar in getracht te voorzien. De brief daar van, in het Chartularium van dat Capittel te vinden , is van dezen inhout: In nomine Dei Amen. NOS Heinricus Honberch Decanus, nee non Wilhelmus de Riebeec,Ar- noldus Gruter, Johannes de Leyenberch, Jo* hannes Wael, Nicolaus Wilde, Petrus de Aem- fterdam, Johannes Heelt, Alphaerdus de A , Johannes Herboert, Johannes de Haflelt, Ni- colaus Meynaerdi, Petrus Franconis, Henn> cus Screye, Wolfgherus de Mera, Arnoldusde Tieghel, & Johannes Spiker , Canonici capi- tulares Ecclefiae fanfti Petri Trajeétenfis in lo- co capitulari ad Capitulum follemniter convo- cati , Capitulo ad hoc indi&o , & Capitulum diftae Ecclefiae fanfti Petri tuncfacientes&re- praefentantes , dolenter confiderantes, quod quam plures , ymmo pro majori parte, domus clauftrales Ecclefiae noftrae per extraneos ea- rum inhabitatores , in praejudicium Ecclefiae noftrae , modernis temporibus exiftant occupa- tae, quae domus ad inhabitandum ad ufusPrae. latorum & Canonicorum Praebendatorum ipfius Ecclefiae noftrae praediéke duntaxat a prima n fundatione provide funt ordinatae. NOS igitur
occu-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||||||
|
|
i4iv JAARBOEKEN.
oceupatiwwm exroneorura hujusmodi , Deo
fautor* , refcindere & extirpajre pro poffe cu- piences , ta.lem conftitutionem »DcQ gratam , ut
fperamus, de confenfu & voluntatenoftra una-
nirni ftatuendam duximus . & perpemis tempo- ribus inviolabiliter fervandam ordinamus. vide- ,, licct, quod fi vacat aliqua domus clauftralis in* fra emunitacem Ecclefiae noftrae per obitum ali- cujus Praelan vel Canonici , feu per dimiflSo- nem Praelaturae vel Praebendae fuae , quomo- |
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
|
|
docunque , tune executores illius , fi per obi-
|
|||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
M tuin vacet ; fed fi per diraiffionem aliam , tune
5> iile ditnitten$ , vel ejus procurator , debenteam exponere vendidoni infra inenfam in communi convoeatione omnibus , tam Capitularibus, quam noa Capitolaribus , qui commode vocari pote- w ruac i & dabitur uni Praelaco , vel Canonico praebendato , plus ofFerenti , omnibus dolo & fraude exclufis ; provifo tamen , quod antiquior ^ Canonicus praeferetur juniori in aequali obla- ^ tione ,, dummodo ad ftatim venditionem acce- , pteï. Secvis G antiqiüor aliam domum habeat , vel prius, babuerit infra eruunicatem. In vita vero poteft quivis per fe domum fuam vendere, dare donatione intra vivos , vel caufa mortis , vel legare alteri Praelato vel Canonico praeben- dato noftrae Ecclefiae, cuicunque voluerit , duobus tamen Canonicis capitularibus & Nota- rio praefentibus. Cavendum eft tamen, quod |
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
,.,
|
|
emptor non ad. ufum alicujus perfonae extra-
|
|||||||||
|
^ neae , quae non fuit Praelatus, vel Canonicus
nofter praebendatus , domum emat fub aliqua collufione & forma , taliter , quod hujusmodi emptor folum nomen habeat , & extraneus ef- u fe^lualiter donünus domus fiat. Quicunque Ca-
noni-
|
|
|||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
||||
|
|
i6ó U T R E C HtS C ti E 1414.
,; <nónicusvel Praelatus hoc facere praefumpferit,
,; procurabit Capitulo noftfo unam -marcam ar- genti redditus perpetui comparandam infra an- : num, poftquam idem emptor, Praelatus vel Ca- ,,- nónicus, hujusmodi extraneam perfotiamfubfuo nomine in ufu diftae domus permiferit ultra menfem remanere. Nihilominus tamen, licet hujusmodi marcam propter hoc folverit, vel ,, folvere fuerit obligatus, non debet admittere perfonam extraneam, ex cujus exercitiovelcon- verfatione laycall emunitas laedatur, feu etiam Ecclefia gravetur & dehoneftetur, tum in puer- periis fovendis, quam etiam in aliis fordibus & ,, fecuTaribus negotiationibus ibidem exercendis, ,i quae omnino prohibemus, prout etiam de jure ,ï funt prohibita. Si vero quampiam talium per- fonarum prohibitarum admiferit fub fuo nomine, & per Decamim & Capitulum monitus fuerit, ut eas ammoveat infra dimidium annum poft monitionem hujusmodi, tales recedere deemu- nitate procurabit, fub poena dimidiae marcae argenti redditus perpetui. Nemini tamen pro- hibetür , qui tenet domum ad ufum fuum pro- prium, quin poterit tenere fecum infra domum fuam in expenfis fuis , vel feparatim, perfonas extraneas honeftas , quae non funt prohibitae, ,, ut fupra. Poterit etiam , fi gravetur debitis , vel fi voluerit efTe abfens caufa ftudii, vel alias, perfonis extraneis honeftis domum fuam locare, impignorare, concedere, obligare, feu ad in- habitandum-tradere. Sed fi fuerit aliquis de gremio Ecclefiae , Praelatus, Canonicus vel Chorifocius, qui tantum fibi dare vel facere vo- luerit pro locatione, impignoratione, concef- fipne, inhabkatione vel obligatione praemiflis,
quan-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
J A A R B O E K Ë N.
quantum extraneus daret , praefefendüs efit ex-
traneo, Praelatus Canonk!o,&CanonicüsCho- rifocio. Dato etiam, quod aliquis extraneus ih pofleffione domus occafione praemifïbrum jam a<5tu foret , cedere debet Praelato , Canonico vel Chorifocio volend fubire onus , pro quo di- ftus extraneus ftaret, fuper quo deferendum eft juramento patroni domus cum duobus Conca- nom'cis , jurantibus fe credere diftum patronum bene jurafie. Sit igitur hujusmodi patronus pro- vidus , quod faciat taliter padlum cum illo ex- traneo , fi cafus jam proximo fupradiclus acci- deret , quod fit potens , ut diftum extraneum cedere faciat. Afta fuerunt haec in domo no- ftra capitulari , Capitulo follempniter fuper hoc indifto , fub anno a nativitate Domini millefimo quadringentefimo quarto decimo , die vero un- decima menfis Augufti , fub figillo noftro ma- jori. |
|
||||
|
|
||||||
|
|
In het jaar 1415. zyn tot de Regeering be»
noemt:
Schepenen.
Willam van Alendorp , Borgermeifter.
}an Hombout.
an van den Spiegel. Willam van Winfen. Lambrecht Peters zoen. Claes Sloyer. is Schout. Henric de Wit. Vrederic Huberts-zoen. Henric van Luttikenhufe. Peter Mouwer. Vranc de Wit. Vrederic van Drakenborch de Jonge.
L Eerft
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|||
|
|
16* UTRECHTSCHE 1415.
Eerft van der Ae.
Aernt van Amerongen. Godevaerc de Koninc.
, Raden.
.
Harman Zutoert.
Ëgbrecht van Gruenenberch.
Willam Henrix zoen.
Henric Spiker.
Egbrecht Paelvoet.
Henric Sloyer.
Godevaert Francken zoen.
Henric Vos.
Alfer van der Aa. Borgermeifter.
Dirc Hazaert.
Henrick van Scalcwyck.
Walich Rutgers zoen.
Egbrecht Zuermont.
Gheryt Pot.
Daem van der Maet.
Melys Dircx zoen.
Andries van Damaflche.
Willam Tyelmans zoen.
Willam de Haze.
Gheryt Aelberts zoen.
Weernaer Braem.
Andries Arnts zoen.
Arm Huge.
Hermans Weffels zoen.
. '
Oudermannen.
. > w-*ij«!- .:
Her-
|
||
|
|
|||
|
|
||||||
|
|
1415- JAARBOEKEN. 163
Herman van Oemeren.-i <?.!-,
D. . f OlllUCidl*
irc van Amerongen. J
Henric van der Eem. -> n«/,w*
r,, ^, > Dackers»
Claes Gheryts zoen. s
Jacob Scout y Moelnaers.
Willam van Woerd. J
Ghifebrecht Dircx zoen.} LinneweVers. Jan Jacobs zoen.
Jacob Egbrechcs zoen. y yieyshouwers.
Volprecht Foyte.
Jacob Gheryts zoen. } Vifchkopers.
Reyner Voet.
Claes Steffens zoen. -, T ouwefs
lan de Witte Henrix zoen. l
'Peter Jacobs zoen. } Wollewevers.
Lyeboert Willams zoen. J
Vrederic Trinde. Marsluden.
Jan van Heeswyck.J
Henric van den Slyck.} Botterludeö.
Evert Haefle.
fe,Vl<aniCkeu Z°en' } Nyecordewaniers.
Willam Jacobs zoen.J
Andries Alarts zoen. y Oudecordewaniers.
Ghifebrecht Jans zoen. J
Jan Gheryt Yepels zoen. > Cnruncnner*
Ghifebrecht van Raephorft/ Corenc°Pers-
Willam van Maerfen. } Oudewantfnide«.
Gheryt Dedel.
Gheerlof Marcens zoen. } Sceenblckerj>
Gheryt van Hensbeeck. J
Mattheu. Pot
Tyman Walmer.
Peter Walmer. -t
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
Willam van Ghcnt.J
L a Aerm
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
i«4 U T R E C H T S C H E 1415.
, ,- .
} Smeden.
Michiel Jans zoen. -, 7o , ,
JanvandenDamme>Zadelaars-
.
Op dat by gelegenheit van deze verkiezinge ,
alle bewegingen , tot oproer (trekkende, zou- den voorgekomen worden , hadt de Raadt daags te voren fcherpelyk laten verbieden een iegelyk panferen of harnaflen aan te trekken, uitgenomen die van den Rade in den hernafle geboden waren, des Stadts dienaars, en die borgers, die in 't byzon- der en met namen ontboden waren om geharnaft te komen.
In het begin van dit jaar heeft het Capittel van
den Dom eene Ordonnantie gemaakt, waar na die geene , die het opzicht over de timmeringe en het onderhoud der gebouwen, zoo der kerke als tot dezelve behorende, aanbevolen was, zich zouden hebben te fchikken. Welke ik gevonden hebbe in een boek op perkemenc gefchreven door Hugo Vuflinc , Prieiler en Canonik van de Domskerk, vervattende de Statuten van die aanzienelykekerk, waar van ik onlangs door koop bezitter ben ge. worden, (l) En dewyl men daar uit kenniffè kan
kry-
(i) Vajlinf getuigt deze Statuten in ordre gebragt en ge-
fchreven te hebben in dit boek op verzoek van den Domdeken Henrik van Jiitfaes en zyne mede Canoniken, welke Henrik van Jutfixes noch Deken geweeft is in 't jaar 1548. volgens 't geen de Heer Drakenborch in zyn AanhangzelopdeKerkelyke Outheden van Nederland bladz. <p. opgaeff. En dewyl.in dit boek vermeld wordeene uitfpraajc door de Dekens en Prooften derkerken (\vaaronder ooViHfnrikiian J-utfaei vermeld word) jitpeai de verplichtinge r»n den Biffchop om ten Capittel te ko- nen |
|
||
|
|
||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
JAARBOEKEN. 165
krygen van de inkomften tot dat gebruik geftelt,
*ls mede van de plicht der geenen , die tot dat werk verkoren wierden, hebikgeoordeeltzommi- ge lezers geenen ondienft te zullen doen, indien ik dezelve hier plaats geve.
Univerfis & fingulis prefentia vifuris & audi-
turis , nos Hermannus de Lochorft Decanus, totumque Capitulum Ecclefiae Trajeftenfis, fa- lutem cum notitia veritatis. Cum officii noftri fit, ut fratrum noftrorum prefentium & futuro- rum concordie & ecclefie noftre indempnitati prout vires & fcientia fuppetunt providere, & ea que pluries occurrerunt, non folum difcor- diam fed fufpicionem de dampnis ecclefie pa- rientia , ftudeamus pro viribus extirpare ; hinc eft, quod de communi concanonicorum noftro- turn capitularium confilio , fuper receptione & adminiftratione bonorum , ac officio provifo- rum nove fabrice ecclefie noftre predifte, non- nullas ordinationes per provifores ejusdem fa- brice pro nunc exiftentes & in futurum eligen- dos, perpetuo & inviolabiliter obfervandas fe- ", cimus, & redegimus in hijs fcriptis
Primo,quod feria tertia poftdominicamCan-
tate , nee non in craftino beati Remigii, dum Synodus celebratur, per totam Synodum ambo Magiftri fabrice fedebunt ad receptionem pecu- niarum difte petitionis, ita, quod unus eorum pecunias computabit, & alter fcribat , in libro feu manuali. & omnes pecunie tune provenien- tes ponantur in cifta, de qua ambo magiftri fa-
bri-
men en recht te doen, gedaan den xi. September 134}. als noch
eene andere ran't jaari 344.. over het A artsdiakénfchap,zoo moet dit boek in den tuffehen tydt van dat jaar,enhetja«rij^8.ge« fchrevenzyn. L 3 |
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
UTRECHTSCHE 1415.
brice claves habebunt, & non alii. Quam quj-
dem pecuniam ipfi duo magiftri fabrice poft Synodum de novo numerabunt ex cifta, et fi ultra fummam confcriptam in manuali receptum fuit, illud focius receptionis pro tempore fignabit in certo manuali quantum fuperfuit, ut Capitulo de hoc fidem facere potent tempore computa- tionis fabrice antedifte.
Item aliis temporibus, quando alique pecu-
nie diftarum reportationum folvuntur Magirtro fabrice , idem Magifter fabrice eodem die inti- mabit particulariter focio fuo quantum recepit, & hoc idem focius etiam fcribet in fuo manuali, ut Capitulo fidem faciat tempore computationis,
Item de teftamentis & inmiftis Magifter fa*
,, brice Receptor pro tempore femper infra tres vel quatuor dies fine fraude & dolo tenebitur referre focio fuo quascumque pecunias vel cle- nodia , que fibi ad ufum fabrice de teftamentis t, aut inmiftis prefentabuntur , & de quibus per- fonis, feu per quas , fi nominandi fuerint, & M illa focius confimiliter fignabit in fuo manuali ad faciendam fidem, ut fupra.
Item circa regimen Loedze, primo, ut in fi-
j, ne cujuslibet menfis tempore folqtionis opera- riorum,ambo Magiftri fabrice debeant eflepre^ fentes , & diligenter examinare cedulas ibidem prefentandas tam de Loedza quam de Fabro, ac de Teftore, & Carpentatore. & fummam il- lius menfis ac fingularum cedularum idem fo- ciqs etiam fignabit in fuo manuali, ad facien- dam fidem ut fupra.
Jtem Magiftri fabrice pro tempore una cum
Archilatomo noftro jurato , quotiens opus fuit, 7, poffint facere provifionem de calce & lateribus
»> »Q
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN. 167
" ac lapidibus parvis, nee non de lignis, infra
" fummara quatuor fcudatorum antiquorum con- " junftim valentibus. Sed de provifione facienda " de lapidibus diclis Drakenvelt & Goedelfcher, " renientibus de reno , nee non de lignis ultra " fummam praedi&am valentibus fe non intromit- " tent,nifi de fpeciali licentia Capituli noftri. Et " dum fic empti fuerint, Receptor pro tempore " quantitatem fumme Capitulo noftro publice in- " timabit, & illam focius fuus fimiliter in fuo ma- " nuali fignabit, ad faciendam fidem ut fupra.
" Item de trunco majori, & etiam de aliistrun-
" cis minoribus y quilibet Magifter fabrice habe- " bit unam clavem , & dum tres claves fuerint , " tune Archilatomus habebit tertiam , & quando- " cumque alique pecunie ex eis recepte fuerint, " illas focius Receptoris confimiliter in fuo ma- " nuali fignabit.
" Item fedens ante indulgentias, omnes & fingulas
" pecunias per ipfum receptas in prefemia ambo- " rum Magiftrorum fabrice temporibus confuetis " prefentabit , & illas focius Receptoris confimi- " liter in fuo manuali fignabit.
" Item quod omnia & fingula jura, privilegia,
" literas & munimenta ad fabricamfpeciantia,nec " non figillum majus ejusdem ponantur & confer- " ventur in cifta iabrice apud Archivum privile- " giorum & literarum ecclefie noftre. de quaqui- " dem cifta quilibet Magiilrorum fabrice habebit " fingularem clavem. volumus etiam quod de om- " nibus & fingulis juribus, privilcgiis, literis & " munimentis fupradiftis fiant copie in uno regé- " ftro confcribende, & illud regeftrum apud Ma- " giftrum fabrice Receptorum pro tempore fem- " perroanebit.
L4
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
i6S UTRECHTSCHE 1415.
" Item operarii inLoedza non recipiantur^nec
" licentientur nifi de expreflb confenfu amborum " Magiftrorum fabrice , ica quod habiliores f«n- " per recipiamur juxta eorum confcientias.
" Item quod Magiftri fabrice pro tempore dam
" interrogati fuerint ab aliquo de Capitulonoftro, " femper fraternaliter refpondeant, & dicant quid " & quantum provenerit de teftamentis&inmiftij; " & etiam de reportationibus, prout verius fcive- ** fint, aut per manuale monftare poterint.
" Item dum aljquis Magiftrorum fabrice abfens
" fuerit, tune immediatus predeceiïbr in officio " locum abfentis in receptionibus & fignaturis, ac " alüs agendis , fidelitêr fupplebit , & abfenti , " dum venerit, fidelem relationem in fcriptis fa- " eiet, quam in fuo manuali fignabit ut fupra.
" PremiflTa omnia & fingula, deliberatione ma-
" tura prehabita , nos Decanus & Capitulum ec- ?' clefie Trajeftis unanimi confenfu ordinantes, ei ** perpetuis temporibus tam per Magiftros fabrice " nunc eleftos, quam in futurum eligendos, in " omnibus & fingulis fuis claufulis, fub pena fu- " fpenfionis perpetue ab officüs in ecclefia noflra, " & juramenti, quo ecclefie fumus aftrifti, man- ** damus, decernimus & declaramus inviolabiter " obfervanda ; ita quod de cetero ad exereitium ** difti officii fabrice nullus admittatur, nifi prius " premiflTa omnia & fingula obfervare in prefentia " Decani & Capituli promiferit fub penis fviprafcri- ' ptis; & deinde in perpetuum ambo Magiftri fa- " brice in prima eleftjone eorum ibidem ftatim in " Capitulo in manibus Decani noftri premifla '' omnia proutfuperius confcripta funt, fub eisdem " penis folempniter obfervare promittem. Datum aftum in domo npltra Capitulari minori, fub |
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
I4I5- JAARBOEKEN. 169
"anno Domini millefimo qüadringenteCmo quig-
" todecimo , die Veneriï poft feftum cireumcifi?- " nis Domini.
Ook is in dit jaar, des fondags temidvaftén,
«ene Ordinancie gemaakt van onzer Vrouwen Broederfchap van den minder Kalander tot Buur- kerk. (i)
Niet tëgenftaande de Regeering naar den zin van
Hef man van Lochorft en Jan van den Spiegel ge- dek was , en door de Rechtsoeffeningen in de twee vorige jaren, veele, die hen niet wel gezint wa- ren , uit de Stadt gezet en ontborgert waren , zo Was echter daar door de Stadt in geene volle ruft gebracht. Het verbod door den Graaf van Hol- land aan alle zyne ingezetenen gedaan , van eeni- gen handel met die van de Stadt Utrecht te dry- ven , veroorzaakte niet alleen veele klachten der köopluiden, die niets uit, of over Holland konden krygen , maar ook veel gebrek in deze Stadt. En dewyl dit nu twee jaren byna geduurt hadde, be-
fonden de meefte borgers te murmureeren. On-
ertuflTchen wilde het geval, dat Jan van den Spie- gel vrydags voor Pinxteren na het fcheyden van den Raadt met zynen knecht naar huis gaande, een der Stads dienaars by dien knecht zich voegende » door den zelven wierd geftooten en fmadelyk ge- handelt. Deze dit ongelyk niet konnende ver- dragen , riep om hulp en wraak over deze mis- handelifige , waar door veel volk by hem kwam, die tegen van den Spiegel veele fmadelyke woorden |
|
|||
|
|
|||||
|
|
(i ) Dezelve is te vinden in het ütreclits Placcaafb. III.
Deel bladz. tf6 en verdient vooral gelexen te worden 't geen de Heer van de Water ever deze Caknderbroedcrs aldaar hteft aangetekent, |
|
|||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
i;re U'fRECHTSCHE 1415.
zeiden, en hem zynen geweldigen handel verwee-
ten. Welke meerder aanwas van volk vernemen- de , zich in een huis by de plaatfen begaf, en de deuren liet toefluiten. Doch het volk fterk aan- groeijende, breekt de deur van het huis met gewelt op,waarom hy het venfter uitfpringt en ontvlucht. Herman van Locborft de Domdeken hier van ken- nis krygende, doet zyne vrienden by den anderen roepen, om deze oproerige menigte te keer te gaan; doch deze hem re fterk zynde wierd hy zelfs
fenootzaakt met zynen broeder Jacob, die dit jaar
chout was, om een goed heen komen te zien, en de woede des volks in het kloofter der Reguliere Canoniken te ontvluchten: Vervolgens wierden op dien zelven dag, Herman en JacobvanLochorft^an Spiegel ^Ysbrant van der A en Jan van Damaffche uit de Stadt gezet, volgens het getuigen van Heda, welke naderhant, te weten des Saturdags na Jaco- bi, door den Raadt zyn gevonnift , in dezer voe- gen : Want Jan van den Spiegel, Jacob van Loc- borft , T/èbrant van der A, Vrederic van den Spie- gel en Joban van Damajjcbo , goede eerbare man- nen mit onregt , /onder boer misdaden , vut on/er ut at mit opzet, ende mit crafte, ende niet onwaer- beiden hebben doen verdriven, ende tegen dengeme- tien orler ende vribeit vele gewelde gedaen hebben, ende groote opftaen ende onrujl gemaect hebben in der Stat van Utrecht, daer de gemene Stat van Utrecht bynnen ende bitten ottfer Stat van Utrecht, groten la ft of heeft; daer om nemen bemhoerborger- /cap , ende men verbiet hem de Stat, ende een mile van der Stat tot goetdunken s Raets out ende nywe. Schoon hier uit blykt, dat de tegenwoordige Regeering gunftig was aan die Heeren , die over twee jaren uitgezet waren, zoo hebben zy nochtans
de-
|
|
||
|
|
||||
|
|
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
1415. JAARBOEKEN. 171
dezelve in de Stade niet ingelaten; om dus te hou-
den't geen zyden anderen byhandtaftingeen eede hadden belooft; maar gezanten gezonden aan Her- tog tfölIemvanBeyeren,hem]aenniffQ gevende van het voorgevallene, en zyne vriendfchap, en ver- fchoninge van het gebeurde verzoekende, en onder- tuffchen alles gelaten in dien ftaat, waar in het te- genwoordig was, ter voorkominge van alle onruft en opfchuddinge in hunne Stadt: ja zelfs zich ver- bonden om zoo wel de eerfte uitgezettene, als de laatfte , niet in te nemen , en ten dien einde 's maendags na Petri en Pauli dit befluit genomen: Want die Rade onfer Stal out ende nywe voertyts overdragenfy n eendracbtelic, ende dat by confente der gbenteenre ghildenjnalcanderen by eede geloeftbebbent ende bant aen bant getaft hebben, datfy by boren over' drachten, ende by borenricbtingen op ten ballingen bli- ven willen, ende niet weder inne hebben en willen,daer omfyn die Kade out ende nywe eendracbtelic hierop overdragen, dat fy by defen boren overdrachten ende richtingen bliven willen, ende die ballingen voer, ende nu laetjle, wtgefet, gelyc wtbouden willen. Ende enicb man van onfen Kade out ofte nywe, die dit verbrake, of bier tegen rwnde (i) fprake, ofdede* beimelic of openbaer , ende die Raet dat ter ivaer- beit vonde, dien/oude de Raet ewelic wt horen Ra- de leggen , ende daer toe meeneedich kennen, endt luden mi t boren doeken, ende daer toe voer t rechten fcerpelic tot goetdunckens V Raets out ende nywe, nae dat een ygelic daer inne gebruect badde. En- de enich man op ter ft r at en, die gbeen Raet enwaer,
ende.
(i) Rwnên"] 'R.aynen of runen is een goet out Duytfch
tvoordt, betekenende in het oor luyfteren. Ziet Kilianut in zyn woordenboek. |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
'
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
||||
|
|
UTRECHT S CHE 1415.
ende bier tegens riede , fprake , rixnde, of dedè ,
f.nde die Raet dat ter waerbeit vonde, dat tuoude Raet fcherpelic oen hem rechten tot horen goetdunc- ken. Én of dit noch niet genoeg was, zelfs de Raadt Borgermeefteren ,zoo van den nieuwen als van ou- den Raadt , dit navolgende doen zweeren: Aldus hebben Alfer van der A, ende Gheryt van Damaf- fcbe gefekert ende gefworen in V jaer ons heren xtm' ende vyfthien, faturdages nafïnte Bertelmeus dacb, op onfer Statbuys voer den Kade out ende ny- vje: Gby gekeft ende fekert, dat gby alle die ghe- ««, die in denyerfter ver drift en over tween jaren; »nde oick alle die genen, die nu in der laetfter ver~ driften des vridages voer Pynfteren Ie/lever leden, en dat daer ojfruert, ofyemant van hem allen, gee- ft elic of weer lic, die de Stat van Utrecht verboden Jyn , ofF-vatgefet fyn, off" daer van felver wtgegaen fyn, ojfyemant van boren maghen off vr eenden, o f yemant anders, die noch bynner der Stat fyn, boe fy genoemtfyn, nyet raden, noch daden, noch hel- pen , noch flaïken, noch fliven en feit , noch daer gbenen raet, opzet ofvergaderinge mede maken en Jflt, tegen den Rade van der Stat van Utrecht out ende nyiue, ende die gbene die daer nu 'mnefyn.
Voert gekeft endejèkert gby , dat gby den Rade
van der Stat van Utrecht out ende nywe, ende alle die gbene, die de Stat van Utrecht nu inne hebben^ bout, trouwe , beftandïch ende behulpich taefen feit, ende daer by comen ende daer by bliven Jelt, ende den Raet voirfcreve ft arken feit, mit rade en- de mit dade, by dage ende by nachte, [onder enicb argelijl.
Deze voorzorg heeft niet konnen beletten, dat
Jan van den Spiegel met de zyne, en hunne vrien- den, die zy noch in de Stade hadden, eenen aanflag
ge-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1415- JAARBOEKEN. 173
gemaakt hebben , om op S Jan» dag decollatio
des morgens de Stade te overvallen ,enmeefter van de zelve te worden. Doch die van binnen wel op hunne hoede zynde, is dezelve mislukt,en we- derom ftrenge ftrafoeffeninge gepleegt over dit geene, die in de Stadt waren, en van dit voor- nemen kennifle gehad, en hulpe toegebragt had- den , om denzelven wel te doen gelukken. En om die te ontdekken , liet de Raadt by klokluy- dinge den volke bekent maken , dat ieder, die iets wille van dezen aanflag , aanftpnts daar van kennifle zoude geven aan de Overften, onder be- dreiginge, van die geene, die hier in nalatig zou- de bevonden worden, men den zweerde te ftraf* fen. En vermits de Borgermeefter Gheryt van Damaffcbe niet alleen kennifle hier van hadde ge- hadt, maar zelfs de raadflagen ter uitvoeringevaa dezelve bygewoont, en dus zynen eed, waar van wy zoo even gemeld hebben , te buiten gegaan hadde , zoo is hy meyneedig verklaart, en voor eeuwig uit de Stadt gebannen, drie,als Alfervan IVoudeggem, Andrles Claas zoon, en WillemUten- gaerde , zyn ter dood gebragt, negentien andere zyn ontborgert, en twee en veertig geboden in de gevangenifle te gaan.
De Stadt dus wederom in ruft e gebragt zynde,
was des Raadcs voornaamüe werk, om zich met Hertog WMem te verzoenen, en uit te werken dat hunne borgers wederom als voorheen in Holland konden komen , hunnen handel daar dryven, en varen en keeren op hunne tolrechten. En zyn Hertog W/ïllem«ea. de Raadt dezer Stadt het eens geworden , de gefchillen te verblyven aan d'uit- fpraak van vier mannen, die hun zeggen geuit hebben. Waar op Hertog Willem wederom de
oude
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
i74 UTRE C HTS C HE 1415.
oude voordeden dezer Stadts borgeren op de tol-
len van Holland vernieuwt, en vermeerdert heeft. En dewyl de brieven by deze gelegenheit door Hertog Wülem gegeven , tot noch toe ongedrukt zyn, zal ik dezelve hier opgeeven.
Den Brief, waar by Hertog Wïllem en de
Stadt Utrecht hunne gefchillen overgeven aan d'uitfpraak van vier mannen, is van dezen in- houd:
Wi Willam bi der genaiden Goids, Palens-
grave op ten Ryn, Hertoghe in Beyeren, Gra- ve van Henegouwen, van Hollant, vanZelant, ende Heer van Vrieslant; ende de Borgermey- fters, Scepen ende Raide der Stat van Utrecht, bekennen tnit defen open brieve , dat wy Her- toge Willam voernoemt voir ons , onfen lan- den , luden ende onderfaten aen de een fyde: ende wy Borgermeyfters , Scepen ende Raide der Stat van Utrecht voirfcreve, voir ons, on- fe Stat, borgeren ende onderfaten op te ander fyde, van alre fchelingen, twedrachte endeon- mynne, die tuiïchen ons ende onferbeydevrien- j, de ende onderfaten gheweefl fyn , ende oeck van allen ghebreken ende afterwefen van coft ende van fcade , die wy elx aen den anderen gehadt mogen hebben tot defen dage toe, van aenbeghin der veden van Arkel, van den oer- loge , van den wtfettinge ende correxien fom- miger borgeren ende onderfaten der Stat van Utrecht, mit namen Jobansvan Licbtenbercb, jfo- hans van Clarenborcb, Wouter Grawerts, Beernt Proy5,ende hoir vriende, endeanders van allen ongunften ofte difcoorde, die daar wt, of wteni- ,, gen anderen ftucken, ons ende ons beyervreende roerende , gefproten wefen mogen, hoe fy ge-
nuemt
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1415. JAARBOEKEN. 175
genuemt of ghefciet fyn, te water of te lande,
(onder enige wtneminge,mit onfenvryenmoet- wille, ende wail beraden , gebleven fyn ende bliven mit defen tiegenwoirdigen brieve, eens feggens ende eenre mynliker fcheydinge aen tween van Raiden ons Hertoge Willems voep- fcreven, alfe haer Philips Heer van Wajfinaer, Burchgrave van Leyden, ende Willam Eggart, Heer te Purmerende, ende tween van Raide der Stat van Utrecht voirfcreve, als JVillemvan Alendorp ende Volprecbt van Amerongeny die hoer feggen ende fcheydinge daer off wtfpre- ken zullen tuffchen dit ende een fonnendage naeftcomende. Ende fo wes die voernoemde vier feggeren hier of eendrachtelyck feggen en- de fcheyden fullen, dat hebben wy geloef t ende geloven, als wy Hertoge Willam voirnoemt by onfer Vorfteliker eeren , ende wy Borgermey- liers, Scepen ende Raiden der Stat van Utrecht voirfcreve by onfen truwen eeren ende zeker- heit, volcomelic te houden, ende wail te vol- doen , fonder enich wederfeggen. Ende wairt fake , dat de vier feggeren voirfcre- ven fcheelden in den tvve punten , alfe van Beernt Proys mit finen vrienden, die ,in de ra- minge genoemt ftaen , hoe fy incomen off wc bliven zeilen , ende hoe lang dat die an- der , die honden jair wtgeluyt fyn , wter Stat Rade bliven zullen , dat fal onfe lie- ve neve ende Heer, die Biflcop van Utrecht, een Overman dair in wefen ; ende wes hy dan mit enigen tween van den feggeren voir- noemt, of alleen van dien tween punten wt- fpreken ende fcheyden fal, dat gheloven wy volcomelic te houden ende te voldoen in alre |
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
.------
|
||||
|
|
|||||
|
|
176 UT RECHTSCHE 1415,
maten , als voirfcreven ftaet. behoudelic alle
zoenen , die voir defen tyt tufïchen der Graef- licheit van Hollant ende der Stat voirfcreve gefegt fyn, in hore voloomender machte te bli- ven. ende alle dingen fonder argelift dair in te zoeken of te vynden. In kennifle hier of zo hebben wyHertoge Wittam voirnoemt,endewy t, Borgermeyfters, Schepen ende Raide voirfcre- ve van onfer Stat wegen , beyde onfe fegelen rt aen defen brief gehangen , in 't jaer ons heren dufent vier hondert ende vyfthien op ten zeften dach in O&obri.
Hier op is defe uitfpraak gevolgt(i): Wy
Philips Heer van Waflenaer, Burchgrave van Leyden, Wiüem Eggaert, Heer to Purmeren- de Treferier van Hollant, Wïllem van Alen' dorp ende Volpert van Amerongen , doen cont allen luden, want de hoechgebore Vorft, onfe lieve ende Genedige Heer, Hertog Willemvan Beytren, Grave van Henegouwen , van Hol- lant, van Zelant, ende Heer van Vrieslant,voir hem , finen landen , luden , onderfaten ende vrienden , an die een fyde , ende de Stat van Utrecht voir hem, horen borgeren ende onder- faten, an die ander fyde , eens feggens ende minliker fcheydinge aen ons ghebleven zyn , van allen gefchelen, twidrachte ende onminne, die fy onderlinge tot defen dage toegehadtmo- gen hebben, gelikerwys, ende in fulker maten, alfe dat compromifs , dat fy van beyden fyden dair of befegelt hebben, mit meer woirden in- hout ende begrypt, fo hebben wy mit goeden
voir-
(i) Deze ii gedcelteljk te yinden by Matth.4ê Jure^Glg-
iii cap. T. . . , -. ;
y
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
Hij- jAAkBOËKÈN.
& voirbedachten finrie, die gecroonende gebreke
,, van beydën partien vdirfcreve ovefgehoirt, en- de waël vërfönnen , ende orife feggën ende fcheydinge dair óf gefeyt ëndë gedaen in der manieren hier riae befcreveh. In deri eefften van deri perfoneri , dié hier na genoeirit ftaen * als Beernt Proys ende fyn kindef, Jan van Licb- tenbercb ende fyn zoen, Jan van Clarenborcb $ Jan van Groenewoude, Jacob van Licbtenbercb, Lourens van Hamerfteen, JanKnyf, Pillegrim de Wall, Willem de fPitté, Martyri Brüninxt Peter van Wul, Jacób van Holland, endefFïl- lemBorre Wouters /oen; \frant Wy des nyet eens geworden en konnen , hoe fy in der Stat van ,-, Utrecht incdmen óf wtbliven fullen, off in wat genoege ëridé maten , dat dat ftaen fall j fo i, hebben wy dat gefet i ende fettent aen onfen geriedigen heer, Heer Fred-rlc van Blancken j, heym Bificop t'Utrecht, als onfen Overman,ha inhoüt des compromifTe. Mer alle ho'er ander vreende , die hier volr niet genöetrit en ftaen , die mit hem voir off na , wtër Stat gerwmt off gefet fyn, ende hoervriënde, die noch binnen j, fyn , hoe fy gecorrigeert fyn, het fy riiet jaren wt te wefen, mit borgérfcap off ftemmen te ne- 5, men , in wat manyéren dat dat gefcheyt mach >, wefen, zullen weder in der Stat eometl mitwi- ,-, ve ende kynder rechtevöert óp hoer borgérfcap, ende op al hoer oude rechten ende vriheden, ,, alfo iy warëri eer de voirfcreve corre^ien aen heni geheeft worden ; wtgenörnëtt die gerie, de hdtidert jaaf wtgelüyt fyn , al ift, dat fy me- j, de incomen fullen,fo fullen fy nochtahs wtder ,;, Stat Rade blivefl, alfo lange , Jtls onfen lieven , Heer van Utrecht voirnoemt dat goecdunckeu
M fal.
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
-----
|
||||
|
|
|||||
|
|
I78- UT RE C HTS C HE 1415.
fal. Des zullen alle die voirgeroerde perfonen,
genoem: ende ongenoetm, oervede ende ver- lofte doen, ende elc byfonder, der Seat ende den Rade van Utrecht, endo oeckden genen, die nu ter tyd de Stad in handen hebben. En-, de defe oervede fullen fy doen,alfe befceydelic is , by ons vier feggeren voirnoemt, ende bi den Rentmeyfter des Gheftichts van Utrecht.
,, Iterp de ghene, die tot Aemfterdam den bor-
,, ger van Utrecht doetfloegen, ende handadich ,, dair an geweeft hebben, na der Stat recht van ,, Utrecht fullen uter Stat bliven tot ewigen da- ,, gen, dair offfahnen een onderzoek doen binnen der Stede van Aemfterdam, by viven van den Rade van Utrecht, endevive wt den Gerechte van Aemfterdam, ende wie bi den thienenvoir- ,, fcreven der doet fchuldich gevonden wart, die ,, fal wtbliven na der Stat recht, als voirfcreven is.
Item fo fullen de Stat van Utrecht onfen ge-
nedigen heer Hertoge Willam voernoemt, alfo lange als hy leven lal, dienen tot alre tyt, als hy mit fyns felfs live in den velde is, an diezi- de van der Maze, dair Utrecht Itaet, ende zes ,, milen verre aen d'ander zide van der Maze en- ,, de niet verder, mit hondert ende vyftich man- ne, alfe hondert gewapent,ende vyftich fchut- te, zes weken lanck op hoers felfs cofte, indien ,, dattet op ten Ghefticht 'van Utrecht nyet en ,, draget. Ende hier of fullen die partien voir- ,, fcreven elx den anderen goede befegelde brie- ve geven , daer fy aen beyden fiden mede be- ,, vvaert fyn.
Item 4b en fal Jan van Harler binrjen den
palen van Hollant, van Zelant ende van Vries-
lant,
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
JAARBOEKEN.
lant , den borgeren van Utrecht nyet befcadi-
gen , noch misdoen , aen live noch aen goe- |
|
||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
>>
|
|
de. Ende waen dat hy daern boven dede,
|
|
||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
of yeraant van fynre wegen , dat fel men van
hem doen rechten in ons liefs here lande van ,, Holland , tot allen tiden , als de Stat van Utrecht dat doet verzoeken.
,, Voirt van Herman Woudmans doet fullen de
Rade , ende anders alle die ghene , die nu ter tyt de Stat van Utrecht inne hebben, onbelaft ende quyt wefen van allen Hermam magen |
|
||||||||||||||||||
|
|
mar fy zullen dat mogen houden aen Jan van
dtn Spiegel, Ysbrant van der A , Geryt van
|
|
||||||||||||||||||
|
|
Dama/cb, ende allen den ghenen, die mit hun
wt fyn.
Item fo fullen de Stat van Utrecht ommelief-
den wille onsgenedichs Heer van Hollant, heer Jan van Rctiejfe , ende fmen fonen bofgerfcap geven na der Stat recht.
,, Item fo fullen Her Herman van Locborft ,
|
|
||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
|
|
Doemdeken t' Utrecht, heer Gbysbrecht van Loc-
|
|
||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
hor ft , fyn broeder , heer Jan Her boort , Jaccb
van Lochorft , Jan van den Spiegel , Vrederw van den Spiegel , Ysbrant vander A , Dirc van Zulen , Gberyt van Dama/cb , Jan van Dama/cb, Loef Bergmaker ( i ) , Gbysbrecbt Loefs foen , Gheryt Loefs foen , Jacob Herboort , 'jan van Meerlo , Splinter Loefs foen , Tyrnan Mouvoer van Scbarpenborch , Gberyt van Spoel (2} ende
Tol
(O "Bergmaner] In het Raadsbefluit Dingsdag na Viftoris,
ter voldoeninge van deze uitfpruak genomen , word hy gc- noe^nt Boichmaker.
(2) Spotl] Deze word op de gemelde plaats Sfue.'de ge-
naamt.
M 2
|
|
||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
||||
|
|
igo UTRECHTSCHE 1415.
" Tol Jam zoen van den Spiegel (i) wefen ende
" bliven wt der Stat van Utrecht tot ewigen dagen * op hoer lyf. Ende des gelyx fullen fy wefen en- " de bliven ewelyc , wt allen landen ende palen " ons gencdichs heer van Hollartt, in der maten t " voirfcreven.
" Item want die brieven van den tolrechten ,
" ende anderen die gegeven wierden om des oir- " loges wille van rfrkel, aff ende te niete wefen " fullen , dair beyde pertien voirfcreven malcan- " deren brieve van quytfcheldinge off geven ful- " len befegelt , fo fullen de borgèrs van Utrecht " voertaen varen ende keren mit hoiren goeden " voir all ons genedichs Here tollen van Hollant, " ende van Zelant , op tol ende rechte, alfe die " brieve van tolrechte , die voir defe lefte brieve " gegeven worden, inhouden ende begrypen, " duerende tot ewigen dagen, al ift, dat de voir- " fcreve brieve nochtan tot wederfeggen, of toe ' jaren houden. Ende fullen onfen genedigen ' Heer van Hollant, ende finen erven, jairlix be- " talen fulc vier hondert oude feilden, ende toe " fuiken terminen, als die brieve, die de Stat van " Utrecht dair of befegelt hebben.
' Item fo fullen de achten, die Overftegeweeft
" hebben der Stat van Utrecht, ende nu binnen " fyn, in den Hage comen voir onfen genedigen ' Heer van Hollant, ende feggen, dat die ver- " bandbrieve niet gehouden en waren , dat wair ' by fculden Jan van den Spiegel, ende der fyne,
" ende
(j) Spiegel] Op dezelve phats word dezegezegt Tolftnt
knecht van den Spitgel, en is miffchien die knecht ge weeft, die den Stads dienaar miihandelt heeft > zoo «Is.wj hier bo- ren gezien hebben. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN. 181
ende is hem leet, biddende fynre Genade oet-
moedelic, dat hy dat der Stat vergeven wil om
" hoers dienft wille , die fy hem gedaen hebben,
ende noch doen mogen. Dit fal onfe genedige
Heer dan gunftelic doen, ende der Stat fynge-
" n#den ende vreenfcap toefeggen, ende die O-
" verfte hun weder van der Stat wegen voirfcre-
" ve.
" Voert fo fullen alle" namen ende toetafting ,
die binnen der tyt van defe twidracht, ende on- minne van beyden ziden gefchiet mogen wefen, " ende alle quetfinge ende misdaden , die de eea " den anderen dairen binnen gedaen hebben . " dair hier voir nyet of befcreven en ftaet , deen "tegen den anderen quyt wefen, ende claerlic " vergeten.
' Hier mede feggen wy de voirfcreve pertien
" cleerlic vereffent, ende volcomelic gezoent, " ende verlyct van allen gefchelen ende onminne, " die tot defen dage toe tufïchen hun ende hore " beyder onderzaten, ende vrienden geftaen mo- " gen hebben , na inhout des compromifs, fon- " der enich argelift dair in te zoeken, of dair in " te vinden. Ende wairt dat tot eniger tyt enich " gefchil hier in , of in enigen punten bifonder " hier namaels geviel, dat houden wy alle wegen " tot onfen verklaren. In kennifïe der waerheyt, " fo hebben wy fegsluden voirnoemt onfe zeglen " an defen brieve gehangen. Gedaen ende ge- " geven in den Hage op ten twaleften dach in " üdtober in't jaer ons Heren dufentvier hondert " ende vyftien.
Hier op is gevolgt de uitfpraak van Biflchop Fre-
tterik van Blankenbeim over de twee in den vorigen brief genoemde punten.
MS " Wy
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
ifcs UTRECNTSCttE 1415.
" Wy Philips Heer van Wajfenaer, Burchgra-
" ve van Leyden, Willem Eggaert, Heer rot Pur-
" mereynde, Treferier van Hollant, Willem van
" diendorp ende Folpert van dmerongen , doen
" kont ende kenlic allen luden , dat wy gelezen,
" gezien ende gehoirt hebben, enen briet gans en-
' de gave, ende ongerazuerc, bezegelt mitfegel-
" Ie der hochgeborn Heer Frederix Biflcop t'U-
" trecht, ons liefs genedichs Heere, inhoudende
" van woirde te woirde,gelyck hier na befcreven
" ftaet: Frederic bi der genaden Goids Biffcop te
Utrecht maken cond allen luden, want onjè lieve
ende geminde vriende, Her Philips Heer van Waf-
fenair, Burchgrave van Leyden, WMem Eggaert^
Heer toPttrmereynde, Treforier van Hollant, Wil-
Um van diendorp ende Folpert van Amerongen ,
alfe gekoren fegslude , een /eggen ende een mynllke
fckeydinge gefeyt ende gedain hebben van fuiken ge-
fchelen , twedr achten , ende onmynne, als ge ftaen
hebben tuffcben onfen lieven Heer ende neve Hertoge
Willem van Begeren, Gr ave van Henegouwen, van
Hollant, ende van Zelant , op t'te een zyde , ende
<tnfe goeder Stat van Utrecht op tie ander zide. In
tveliter fcheydïnge die voirgenoemde Jegslude twi-
drachticb 'geworden Jyn als in tween punten, dier
/y niet eens gewarden en connen, ende hebben die
aen ons gebracht, als aen horen Overman, om dis
iet ts jpreksn nae on/h be/cheydenibeyt. $o hebben
vvy, als van denyer/len punt, alfe van Beernt Proys,
fyn zoen, ende haren vrienden, die te famen in den
poirjcreve (eggen genoemt (Iaën , hoe ende in wat
maten dat die incomen ende ivt bliven futten &c.
on/e feggen ende goetdiincken gefeyt, ende f eggen ,
éat Jan van Groenew&ude w? onj'e Stat van Utrecht
wezen ende bliven f al t we j<tw lang na fafen dage
datum
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1415. JAARBOEKEN. 133
datum des briefs: Lauiverens wan Hamerfteyn tive
jair ; Jacob van Licbtenberch een , Jan ticernt Proys, ende Proysfanfoen totten beyligenPaeJJchen dage toe naeftcomende, in fulker maten * dat fy bin- nen on/e Stat mueren nyet comen en fullen ^ noch oick nyet nare dan een halfmile omtrent on/è Stat voir/creve, daer fy huefchelic wandelen ende wefen mogen. Ende al e de ander , die mit hem in den f eggen genoemt [iaën , fullen rechtevoert incomen, ende -weder ixefèn op alle boir oude rechten ende vri- beyden, alfo fy maren , eer die correxien op hun gedaen -worden. Oec Jb fullen die vive voirgenoemt rechtevoert op hoer borgerfcap , ende op hoer oude rechten comen, gelyc den anderen , boe tuail dat fy wt vjefenfullen den tyt vcirfcreve, ende tenden dier tyt rechtevoert incomen fonder y.mantsixiederfeggcn. Voirt van den anderen , die honden jair wtgeluyt fyn, allo die voirnoemdefeggers, dat mede aen ons gejet hebben, Jb f eggen vjy, dat fy tujjchen dit endePae- fcben naeftcomende in on/er Stat Rade nyet fitten en fullen ; mer after den heyligen Paefchdacb naift comende fuilen fy -we/en ende bliven op alle hoiroude rechten ende vriheden , als voirfcreve flaet, [onder enicb argelift. In oirkond des briefs bef e geit mit on- fen fegeL Gegeven to Utrecht in 'f jair ons heren dufent vier hondert ende vyftieti des elften dagbes in OcJober. " Ende want wy defen brief gezien ,ge- '' hoort ende gelezen hebben, gelyck voirfcreven " ftaet , fo hebben wy defen brief bezegelt mit " onfen fegelen, hier aen gehangen, op ten der- " tiende dach in Oétober in't jair voirfcreve.
Door deze uitfpraak, de voordeelen omtrent de
tolrechten by Hertog Aelbert en zyn zoonfFillent ter aanmoediging der Utrechtfche borgers tegen
M 4 den
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||
|
|
184 UTRECHT S CHE 1415.
den Heer van Arkel verleent (waar van wy hier vo-
ren bladz. 14. gewag gemaakt hebben) vernietigt zynde, heeft Hertog IVillem nieuwe brieven van de Tolrechten gegeven , welke van dezen inhout zyn;
" Willem by der Genaden Goids Palensgrave
'- op ten Ryn, Hertoghe in Beyeren, Grave van *' Henegouwen, van Hollant, van Zelant, ende " Heer van Vrieslant, doen kond allen luden, en- " de bekennen mit defen brieve, dat wy hyonfen " getruwen Raide ende Clercken in onfen ouden " regyfteren gevonden hebben, dat een onfevoir- '? vadere, zeliger gedachten , onfen geminden " vrienden der Stat van Utrecht gegeven heeft ge- ' hadt zulke brieve ende rechten van tolrecht,ge4 ? lyc hier na van woirde te woirdegefcrevenftaet, Wy Willem Grave van Henegouwen, van Hollant, va» Zelant, ende Heer van Frteslant, maken kond allen luden , dat ivy om beden ons liefs bere ende Oems des Biffcops van Utrecht, hebben gedaen zul- ke gr acte. allen den ghenen , die ixoenen binnen der Stat van Utrecht, dat wy -willen, dat fy varen/ui- len ende keren doeralle on/èlande van Hollant, van Zelant ende van Vrieslant, voir onfe tollen mit jul- ken recht, als hier na befcreven flaet. Datstever- flaen van eiken hoede tarvoin of roggen, of witter er wet en, tivaleff'penningen Hollant s: van eiken boet gberften ofgraeuwer ervaete achte penninge Hollant s: oan een boet haver vier penninge Hollants: van eenre roed«'wyns,t'we corte vat e voir een roede, zeventien penningen Engelfcbe, ende van elker roede ivyns een half take ivyns , of zes penninge Hollants, voir die kaïve take geit ofwyn te nemen fal ftaen aen onfen Tolnaers , ende dair toe van elker roede derdalven
ving Hollants , van een fcepe acht e penning Hol.
lants
|
||
|
|
|||
|
|
||||
|
|
'J A A R D O E K E N; igs
lont s (i): van enenfcaerlaeken zeftienpenninge (2),
van enen ftrypten of blawen laken vierpenninge Hol* lants : van enen witten laken of gby/èlfayen laken twe penninge Hollants; van eenre manhene mar/è- rïen, twe buven ende t-uoeepaer hanfcoen, t-wefcbel- linge Hollants. Ende van allen anderen goede, dat fy voeren zullen, zullen zy geven den bonder ft e marck voir de eer ft e tollen, dair fy voer comen , ende dan fullen fy nemen der Tolnaer teken ter eerfler tollen, ende dair mede zullen fy die vaert mitdien goede vry varen vair alle de ander tallen. Dit fal gedueren tot onfen goetduncken ende wederfegg^en. In oircon- de defen brieve befegelt mit onfen jegele. Gegeven in den Hage infinte Tbomaes dage in V jaer ons be- ren dufent drie bonder t ende feftien.^ïf) " Ende " want wy by onfen getruvven Raide ende Clerc- " ken in onfen ouden regyfteren gevonden heb- " ben den voirgenoemden briefgeregyftreert,ge- " lyck die hier voir gefcreven ftaet, fo hebben wy " in kenniffe dair of defen brief befegelt mit on- ' fen fegel hier aen gehangen. Gegeven in den " Hage op Sinte Viftoirs avont in'tjair ons heren " dufent vier hondert ende vyftien.
Waar op gevolgt is dezen brief:
" fföliem by der genaden Goids Palensgrave op
" ten Ryn , Hertoge in Beyeren, Grave van He- " negouwen, van Hollani:,van Zelant ende He«f
" van
(i) In de copie van den originelen brief van Graaf Willet*,
op ons Stadhuis beruftende , volgt hier op, van een pak» ptlferien^ zeven ftil/inxbe vi d. Hall.
(>) Hier is overgeflagen 't geen in den zoo eveng*melden
brief ftaat, van enen fcterlaken zejlienpenninghe, vanene» iubbelgheverweden laken achte penningen Hollantfcbe.
(j) Dezen brief heeft Matthaeus gedeeltelyk engebrekkelyfc
uitgegeven lib, u. de Nobilit. cap. 14. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
i36 UTRECHTS C HE 1415.
" van Vrieslant, doen cont allen luden, want on -
" fe geminde vriende de Stat Utrechtgunftclic mit " ons overdragen fyn van fuiken gebreke ende " mismoet , als wy dair op hadden , ende fy ons " overgegeven hebben alfulke brieve van verban-
* de van tolrecht ende anders , als voirtyts om des
" oirloges wille van Arkel, tufTchen onfen lieven " Heer ende Vader faliger gedachten , ons , ende " der Stat voirnoemt, gemaift ende befegehwor-
* den van beyden fyden , die gefcoert ende te nye-
* te gedaen fyn ( i ) , fo hebben wy weder onfen
" gefflinden vrienden der Stat van Utrecht voir-
* fcreven , ende horen ingefetenen borgeren, over-
* mits dienft wille, die fy ons gedaen hebben ,en-
* de noch doen mogen , gegeven , ende geven mit
" defen brieve , dat fy voert aen mit horen goe- M den varen ende keren fullen over all in den on- " fen te water ende te lande , op fulc tolrecht , " als de brieve, die fyvoir den oirloge voirnoemt, ** over veel jaren , van onfen voirvaderen dair of " gehat hebben , inhouden ende begripen, ende " voirt op ten honderden penning van allen goe- " den, die in dien brieven niet gefondert en fyn, " dier fy ruftelic ende vredelic gebruken fullen " tot ewigen dagen, al ift, dat defelve brieveten " wederfeggen, of tot jaren houden, behoudelic,
* dat fy ons ende onfen erven jaerlix betalen ful-
" len zulke vier hondert oude fchilden (2) , als fy
v ons
(i) Deze brief van Hertog Aelbert , die wy hier boven
bladz. 14- opgegeven hebben , beveftigt den brief van Her. rt»g Willem in 'r jaar 1316". gegeven , met dat onderfcheit, dat dezelve was gegeven tot wederfeggen , en dat Hertog by de zyne , de tolrechten beveftigt ten eeuwigen |
|
||||
|
|
||||||
|
|
(2) De betalinge van deze petitie of renten van 400. fchil.
den
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
|
|
||||||
|
|
JAARBOEKEN.
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
||||||||
|
|
ons fchuldich fyn, ende die brieve, die wy van
* hem dair of hebben , inhouden. Ende of wy " van der Stat voirnoemt enige andere brieve ge-
hadt hebben van den renten voirnoemt , die en
fullen voirt aen van gheenre weerde wefen. In
" kennifle der waerheit , fo hebben wy defen brief " befegelt mit onfen fegele. Gegeven in den Hage " op ten elften dach in Oftobri in 't jaer ons he- " ren duyfent vier hondert ende vyftien.
En heeft de Stadt dezen brief gegeven:.
" Wy Borgermeyfteren , Scepenen ende Rai-
" de out ende nywe der Stat van Utrecht , beken- " nen mit deze brieve , dat wy fculdich zyn den " hoichgeboere Vurfte , Hertoghe Willem van " Seyeren, Grave van Henegouwen, vanHollant " ende van Zelant,onfe lieve gnedige Heer, voer " zulke vryheyde van tollen recht , als hy ons op " defe tyt gegeven heeft, niiC oude feilde des jaars
" ewy-
den jaarlyks aan den Graaf van Holland , is zyn oorfpronk
fchuldig aan de zoene , gemaakt in den jare ijv<J. tuffchen Hertog Willem van Beyeren , toen hy voor Nyevelt lag, en den BiiTchop en de Staat van Utrecht., te lang om hier ia te voegen , fchoon zy noch ongedrukt is , waar in onder ande- ren gezegt word , dat die borgeren van Utrecht voertaen'fou* één varen op hoer oude tollen ende hoer oude recht : Ende bier om feilen fy ons weder dienen , alfa lange alfe vut leven jaer- lix fes weken lang mit bondert gewapent , of vier hondert jiilden jaerlix gheven voer dien Aienfl. 'T welk herhaalt wort in de zoene van Ghildenborch van den jare 1370. te zien by Matth. de Jure Glad. xiv. p. «34. en noch in twee krie»en beyde den 19. Novemb. 1399. door Hertog Aelhert en zyn zoon Willem gegeven. Doch by den brief in 't jaar i^oz. door yfe/^fgegevenjhaddehydeborgersvan Utrecht ten ewigen dagen , dezen laft kwyt gefcholden. waar toe hen Hertog Willem nu wederom op nieuw verplicht heeft, fchoon hy,zo wel' als zyn Vader, by den gemelden brief voor zich en zyne nakomelingen , verbonden hadde de quytfchel- dinge na te zullen komen. - |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
||||
|
|
i88 UTRECHTSCHE 1415.
" ewygherrenthen, alfe n9 Keyferfche oude fcil-
" den, ende 119 gulene Vrancryxfche crone voer " deze dage gemunt, of payement hoor weerden, " die wy voer ons ende voer onfe Stadt onfen He- " ven gnedige Heer voerfcreven , ende fyne erve " geloift hebben , ende geloven in goede crouwe " alle jaer wail ende wittelic te betalen , alfe die " ene helft tot Paifchen naiftkomende, ende d'an- " der helfte tot fin te Victors dach daer naeftko- " mende, ende alzoe voert jairlycx , zonder ar- " gelift. In oerkonde des briefs, ende onle Stat " zegel hyr aen wtgehangen, in 't jaer ons heren " duzent vier hondert ende vyfthien, op finte Vi- " clors dach.
Voorts heeft Hertog Wïllem noch andere brie-
ren aan defe Stadt te dier tydt gegeven, die ik, om dat ze noch ongedrukt zyn, en door Mattheus, of andere Schryvers, myns wetens, noch niet te voorfchyn zyn gebragt, geoordeelt hebbe hier plaats te moeten geven , volgende de ordre der dagtekeninge.
De Stadt Utrecht was volgens de zoene verplicht
den Graaf van Holland, alshy zelfs te velde ging, met 150. mannen te dienen. Doch dewyï de- deze Stadt in 't vervolg van tyden veel nadeel zou- de lyden , indien de Graaf van Hollant met zyne vyanden bevredigt zynde , het die vyanden vry zoude ftaen,naderhant wrake te nemen over dezen byftant; daerom heeft Hertog Wilkm zich ver. bonden geene vreede of zoene te maken, ten zy de Stadt Utrecht 'er mede in begrepen was, op deze wyze:
" IVillem bi der genaden Goids Palensgrave op
" ten Ryn &c. doen cond allen luden, dat onfe " lieve ende'geminde vrienden de Statyan Utrecht
" " voir
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN.
vofr hbre borgeren ende onderzaten hem ver-
bonden' ende ons geloifc hebben in rechter ,, fchulde te dyenen, mit honderc ge wapent, ende vyftich fehutte,als wy felve in den velde fyn, in aïfülker maten ende verwarden, als die brieve, die wy van der goeder Stat van Utrecht voir- fcreven dair of hebben , claerlic inhouden. En- de want zy dan vyant worden zullenonfenvyan- de, alfe als dat gebueren fal, fo hebben wyder Stat, ende allen horen borgeren voirfcreven, weder geloeft ende geloven mit defen tegen- woirdigen brieve, dat wy van den oirloge ende faken , dair fy ons in der ryt in dienen zullen, geen zoen noch vrede aengaen en fullen, wy en zullenfe mede bezoenen ende bevreden,ge- like ons felfs luden ende hulperen , fonder ar- gelift. In orkonde defen brief befegelt mit on- fen fegele. Gegeven in den Hage op ten twa- lefften dach in Öclobri in 't jair ons heren duy- fent vier hondert ende vyftiene.
En op den felven dag heeft Hertog Wlllem onfê
Stadt kwyt gefcholden van de verbanden met zyn Vader den Hertog Aelbrecbt aangegaan , by de- zen brief:
Willem by der genaden GoidsPalensgraveop
ten Ryn &c. doen cond allen luden; want alle brieve van verbande ende voirwaerden, die om der bede (i) wille van Arkel, voirtyts'gemaift ende befegelt waren tufïbhen on fen He ven Heer ende Vader Aelbrecbt faliger gedachten , ende ons, ende der Stat ende hore burgeren van Utrecht, aeu beyden fiden overgegeven ende
» ge-
(i) 'Bede'] Het komt my voor, dat TOOI dit voort gelezen
moet worden wrf#, dat iit oorlog. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
UTRECHTSCHE 1415.
gefchuert fyn , fo hebben wy onfen geminden
vrienden der Stat voirfcreve , ende horen ge- meynen burgeren tot ewigen dagen quytgefcou- den , ende verdragen alre geloiften, verbande ende vorwairden , die fy onfen lieven Heer en- de Vader , voirnoemt, ende ons in dien brie- ven voirfcreven geloift ende gedaen mogen heb- ben, fonder arch ende lift. In oirconde delen brieve befegelt mit onfen fegelehieraeHgehan- gen. Gegeven &c.
En op dat alle Bailjuwen, Tollenaren en ande-
re beampten van het Graaffchap van Holland ken- nifle zouden hebben van de vergunde tolrechten, heeft Hertog IVlllem -dezen volgenden brief doen uitgaan:
Willem bi der genaden Goids Palensgrave &c.
doen cond allen luden: want de Stat van Utrecht mit ons gunfteliken overdragen is van allen al- fuiken brueken ende misdaden , als fy tegens ons ende onfe heerlicheyt gebruect ende mis- daen hadden, dair wy lange tyt mismoedich op hoer ende horen burgeren geweetl hebben: en- de wy defelve Stat, ende de burgeren , geno- men hebben tot onfe volcomenre gunften, en- de in onfe befchermeniffe; fo ontbieden ende ,, bevelen wy allen onfen Baliuwen, Tolnaeren , Scouten, Rechteren, dienftluden , ende allen onfen onderfaten over al in onfen landen, dat fy de Stat laten merren , keren ende wefen , ,, over al in onfen landen , dair hem genuegen fal, gelyc fy plagen te doen voir die tyt, datfy ons brueften,ende wy left mismoedich ophein worden , op fulke tollen ende rechten, als fy voir die voirfcreve mismoedicheyt voir horen goeden plagen te geven : ende des nyet en Ia-
ten
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||
|
|
1415- JAARBOEKEN. 191
ten in gheenrewys. In oirkonde defen brieve,
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
»
|
|
ende onfe fignet hier op gedruft. Gegeven ia
|
|||||
|
|
den Hage op ten xui"16» dach in Oftobri in 'tjair
ons heren MCCCC ende vyfthien.
En tot meerder zekerheid heeft de zoon des Ko-
nings van Vrankryk, getrouwt met Jacoba de eenige dochter van Hertog Willem, dezen brief uitgelevert.
,, Jan , foen des Conincs van Vrancryck, bi
der genaiden Gods Hertoghe van Thoreyne, ende Grave van Pontyen. Want die goede lu- de ende burgeren der Stat van Utrecht,raiton- fen lieven ende geminden Vader Hertoge Wll- km van Beyeren, Grave van Henegouwen, van Hollant ende van Zelant, eenre gunfteliker zoene ende verlikinge overdragen fyn, na in- hout des feggens , dat onfe geminde vriende , die Bjrchgrave van Leyden , Willem Eggart Heer to Purmereynde , Willem van Akndorp ende Volprecht van Ameronyn , alfe gecoren fegslude tuflchen onfen lieven Vader ende der Stat voirnoemt,gefeyt ende gefceydenhebben: fo doen wy cond allen luden, dat wy, alfo ver- re alil aen ons coomt, of comen mach, gecon- fenteert ende geconfirmeert hebben , confen- teren ende confirmeren mit defen brieve dat feggen ende fceydinge voirfcreve, alfo als die brieve , die de vier voirnoemt dair of befegek hebben, in allen horen punten, ende in eiken byfonder , inhouden ende begripen, ende ge- loven die , ende alle die brieve van tolrechte, van dienfte ende anders , die den voirfcreven feggen rueren, ende dair op gemaeft fyn, vafte ende geftade te houden , ende te voldoen fon- der argelift. Ende hebben des te'getuge onfeii |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
||||
|
|
ft>* U f RÉ C H-1
'* regel afi-defen brief gefeattgefl. Gegeven in dfen
'*--^Hagéop ten derisenrte dach in Oftobri in 'tjavt? " otfs'-neren düyfênt vierhondert èride vyfrien. Deze zoène en bevredinge met Hertog Wïllem sls; Graaf van Holland, en'de weder inhuingegn- de afdoeninge van befwafrngen der- ballingen, als mede de verandering nopens de tollen gemaakt, heeft de Raadt dezer Stadt by klokluidinge des dmgsdags ha Viftoris bekent gemaakt, gebiedende alle hunne borgeren endeonderfatendeonderhou- dinge van die zoene. En is kort daar na ,- vol- gens het fchryven van Heda, Johanttes van Lèy- den,Gouthoeven en anderen , Hertog WïllemvRzn een goet getal edellieden t'Utrecht gekomen, en ïreeft ^Jch daar eenigen tyd vrolyk gemaakt. Slich- tenhorft in zyn VIII. boek der Gelderf. Gefchied. jtegt, dat de Hertog van Gelre Hertog fFUllêmver- gezelfch'apt heeft en met hem in deze Stadt ge- komen is. In het Buurfpraakboek 's woensdags na Elifabeth vinde ik, dat vry geleyde toegeftaan fs aan Hertog fPlllêm met 200. perfonen , tot S. Claës dag, en dat vrydags op Lucien dag aan de Raden van den Grave van Holland tot 50. per- fonen, en aafi de Raden van den Hertog van Oel- re tot gelyk getal geleyde verleent is tot dért der- tienden dag , of drie Keningen, en dat op dien dag het geleyde voor die Raden ieder met 100. per- fonen verlengt is tot Maria LichtmifTe , zonder dat *%t geAvag gemaakt word van Het vérleenen van geleyde aan den Hertog van Gelre zelfs. Ook vinde ik niets aangetekent van 't geen door hert hier verricht is. Én 't blykt uit den brief van Hertog Wïlkm , die zoo aanftonts volgen "zal 4 dat hy op Kers avont wederom in den Haag ge- weeft is. " V' '- ' -r. S.TI i
Eer
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
1415. JAARfcÖÈfcÊN.
Eer ik van Graaf Wilkrt , en zyne verrichtin-
gen omtrent d'Utrechtenaars affcheyde, moet ik noch ëenen brief van dezen inhoüt laten Volgen:
" Wtllitm b'y der genaiden Göits Palènsgrave
" op ten Ryn &c. doen cont allen luden, datwy " quytgefchouden hebben.; ende quytfcheldenmie " defen brieve, onfe lieve vrende de Stat van 'Utrecht, van allen bfieve' ende"geloften"van " den werken , die Joban Hombout borger t'U-
trecht ons gelöifc haddé té maken tegen den
" hufe Everfteyn in tyden verleden, doe wy Ha- " gefteitï ende Everftein belegen hadden : ende " van allen gelde , dat wy Jan Hombout daer op " haddèh doen betalen : ende mede van allen pe- " nen , darr hy ons van den felven werken irinê " vervallen wefen mocht, want hy die werke niet " volbracht en hadde. Ende bekennen mede j dac " de voirfcreve brieve van defen geloften ende " vorwaérden onder OTTS , ende irt onfef Cdncel- " rien vermiffet fyn. Ende of fy tot eniger tyc " voirt qtramen of gevonden wotden , dat fy dan " doet ende van geenre Weerden wefen fullen ^ " fondef alle argelift. In oirconde defen brieve " befegelt rnït onfen Segele. Gegeven iri den Ha- " ge °P ten hyligen Korsuvont in 't jair onsheren " dufent vier hondert ende vyftien.
In dit jaar hebb'en Bifichop Fredertk van Blaa-
henheim en Jobari van Móntfoirde , d'afdoenitrge hunnef gefchillen verbleven aan Hertog Wükm, die daar van eene uitfpraak heeft gedaan (l): Oofci heeft de Jonkheer van ArkeldtfnBïfïchop doen aen- zeggen, dat hy met hem en zyne vrienden in geen beftand of vrede ^ftaan wil, waar van dpn Raadt - - - : -.. :fswaens-
(i) T« *isilcn b7 MïttK. de Jure GÏ»dii ctf. ». p. *;».
N
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
-
|
||||
|
|
|||||
|
|
||||||||||||
|
|
l|'T HE C H T SC H E 1416.
's woensdags na Martini aan het gemeen by klok-
Juidinge kennifle gegeven heeft , en, het affchrift des briefs daar vari voor het Schepenhuis gehan- gen, om van eenieder te konnen gelezen worden.
'; . ' . i
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
In het jaar 1416. zyn tot |e Regeering be-
noemt :
Schepenen.
- .
Vrederic van Drakenborch.
Jan Pot. |
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
|
|
|
|
||||||||
|
Volprecht van Amerongen.
Goedfcalc van Winfen , Borgermeifter. Jan de Coninc. Jan over de Vecht. Willam Woutman. Claes van Loenen. Pir,c van Houdaen. Alfer van Lichtenberch» Jacob de Voecht. Timan Paelvoet.
1 ' ,>
.
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
Raden.
|
|
. - . -
|
|||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
Jacob Sloyer.
Herman Galle. Riqwyn Jans zoen.
Ermbrecht over Ryn» . ^
Jacob Vrederix zoen» o .
Dirc van der VVeyde.
Henric de Wit. . t
Lambert van Zulen.
RoeloffBlock, .-. .. ; ,'--;.?-ö*r
' r. Hen-
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
j A ARB o E KEN;
Henric van Endoren.
Claes Buer.
Andries de Wit.
Machelum Vuftinc.
Timan van Hamerfteim
Huge van Vlueten.
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Peter Stevens zoen.
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Gheryt van Tiennoven.
Peter Stevens zoen.
Henric Pouwels zoeri.
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Peter Scrodekyn.
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Timan van Zulen.
Hubert Daniels zoen.
Herman de Vroede.
Willam van Nyenvek, Borgermeifter. CO '
Egbert Jacobs zoen.
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
:
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Oudermanfcen,
Braem van Lanscroen. -> Wantfnider,
Ghifebrecht van den Ryn.> Wantln«»ers, Jan Knyf, Overfte Ouderman.-, c ,. Ghifebrecht van Galencoop. *1 |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
.
.' :
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
JJ
|
} Backers.
}Moelenaers.
r^uV^if > Linnewevers.
Jacob de Wolf. * |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
-i Vleyshoü- .
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
T
|
Peter Foyt.
|
|
.
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Jacob Hubert Egbrechts zoens zoen. f wers.
Brant
(i) Deze wort op andere plaatfen genoemt Willam van
Zulen van Nyevtlt , en niet Nyenholf, at( in 't Utrecht! flaccMtboeki - .,-.-. >>';-.. . ,
Na
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
i<tf U T R E C H T S C H E 141*.
Bram Rogge. T Vifchcooers
Gheryt Vrencke.* Vllcnc°Pers-
Jan WelTels zoen. , Louwers
Ghifebrecht Dircx zoen. > uou
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
:
|
||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
Tydeman Trinde. T Merslüden.
Lodewich de Wael,Overfte Ouderman/L
Willam van Weelde. -> »., . , ,
ei- j 01 f üotterluden.
Splinter van der Sluth. J ,
|
||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
. ~
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
uge Gfawert. -, n
TI ft e i > Corencopers.
rlenric otaeck. J r.. ,,
* *
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
Meyfter Aernt de Verwer., ~
Peter van Voskulen. > Steenbickers.
Mattheeus Scrodekyn.} Graeuwerkerï.
Jan van Hollant. J
Timan van Dorflchen. } Ryemfniders,
Ghife Louwe.
Dirc Pyl. -, Bv]houwers
Claes Everts zoen. * üymouwers-
Dirc Goutflager. > cma^«,«
Ghifebrecht Michiels zoen. * v ieclen'
Johan Schavaert. s Zadelaars
Ja-i Zincelbier. * ^adelaars-
In dit jaar vinde ik niet iets aantekens waardig
voorgevallen te zyn, alleenlyk moet ik niet over- flaan, dat de Raad op Meydag hare voórovérdrag- ten, (waar by zy verboden hadde aan hare borgeren
zich
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
||||
|
|
J A A R B O E K E N.
zich tot Maarfchalken of Tollenaren te laten aan»
ftellen) verandert en nedergeleit heeft, en ver» ftaan , dat zy in 't vervolg wel Maarfchalken en Tollenaren zullen mogen zyn , doch zo lang zy die ampten bezitten , dat zy in Stadts Rade niet zullen verkoren worden.
Ik hebbe ook gevonden, dat in dit jaar verfchil
is öntftaan met die van Antwerpen over het Tol- recht,en dat eenige onzer koopluyden aldaar om die reden getoeft zyn, om welk verfchil weg te nemen, dezen brief door die van Antwerpen is gegeven.
Anno xiaic- detimo fexto inerifis Augufti die
xxma was geordineert by der Stat ende by den Tolnaer van Antwerpen, ende by de Gedepu- teerden van der Stat van Utrecht, dat alle Coop- luden van der Stat van Utrecht voirfcreve zel* len varen vry in den toll t'Antwerpen voirlcre- ve, op 'alfulke vuege ende maniere, als fy de* den ter tyt dat die Stat van Antwerpen den toll in pachte hadde, totter tyt toe, dat die Staten*- de Tolnaer van Antwerpen hem anders laten weten rhit haren brieven.
Item die geradeerde van Utrecht fullen ftaen
ter ordinancie van Burgermeyfteren ende Sce* pen van der Stat van Antwerpen, ende daar of zullen zy hebben een goede antwort nu in de marér. t'Antwerpen naeftcomende, alfo fy hern des mogen bedanken. Prefentibus Joban Ste- neus , Amman (i) van Antw«rpen , Heer Ry* ner van der Elft, Heer Geldolff'vanderZennen, Ridderen , Jan Drake , Claes van JVynegem ,
» Ge-
(i) Andere Aman. Ziet Scribanii Origincs Antverpienfium
p. 137. alwaar hy opgeeft, waar in d«bedieningccohet»nipt
"?N3"
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
i98- /ü T R E C H T S c H E 1416.
Gelys Bathetoer, Gbelys Bode, teniet Mlckert^
Jan van den Houte, alfe Scepenen, endejoö»- nes van der Voert, als haer Secretaris ende ,> dienre.
. In het Chartularwra van het Capittel van S.Pie-
ter hebbe ik gevonden, dat de Capittelenzich on- derling verbonden hebben te blyven by het ver- drag eertyts met de Sjadt aangegaan over de Cyns, vryheid van wyn , waar van het opfchrift en den inhoutis: :
Ordinatio de vino trahendo infraemunitatem
quinque EcclefiarumTrajeftenfiurn.
- ,. ' * ' -
, Om te bliven in onfen ouden overdrachten
mitter Stat van Utrecht , die in voertiden ge- fchiet zyn van wyn onder ons mit malcanderen te drincken,fo hebben wy Prelaten endeCapk- telen der kerken ten Doem, tot Oudemunfter, tfunce Peter, tfuntejohan, ende funteMarien t'Utrecht, eendrachteliken , mit ganfen ripen berade by onfen eden, die wy onfe kerken voer- fcreven gedaan hebben , onderlinge voer ons ,, ende onfe nacomelingen geloeft, ende loven mit defen fcrift, fuiken feggen , als die erwerdige vader BilTcop Henric vsn Fyennen , feliger ge- dachten , wilner Biffcop t'Utrecht, tuffchen der Ecclefie op die een zyde, ende der Stat van Utrecht op te ander feyde gefeyt heeft, inhou- dende , dat die Ecclefie vriliken gebruken fou- den alle vriheyden , die fy van recht ende ge- ,, woenten van outs gebruuckt hebben , ende die Stat van Utrecht des gelycx: ende voert dat die Fcclefie wyn copen, ende onder hem drihcken mogen fonder gewoént van taverne: ende fo
wie
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||||||
|
|
J A A R B Ö E K E W «99
wie van beyden parthyen voerghenoemt tegen
dat vocrfcreve feggen dede , of dat verbrake , die foude te banne wefen, mit andere woerden j, ende punten daer in begrepen , vafte , ftade , ende onverbroken te houden , ende te doea houden, als waert fake-, dat enich perloen van ,, onfen kerken voerfcreven tegen defen feggen ii ende voerwaerden wyn vercoft, ofdédeverco- " pen , of wyn in finen hufe hadde , om nerin- ge, of om comanfcap daer .mede te doen, ofte tappen na tavernfche manier, die fouden wyby onfen eden voergenoemt , onfen Deken aen- brenghen, ende te banne, ende van fvnrepro- vende fufpendiert houden, tertyttoe, dat hy dat finen Capittel , daer hy onder waer gefeten, van der pene van een h#lve aem wyns, tot fy- ner kerken Fabriken behoef, ende den Sys- rneyfters in der Seat van Utrecht in der tyt van ,j horen fys claerliken voldaen hadde. Ende daer ,, toe en foude die gheenvdie misdaen hadde, als voerfcreven is, binnen den naeften jare dantoe- |
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
|
|
comende genen wyn binnen finen hufe inleg-
|
||||||
|
|
|||||||||
|
|
gen mogen, alle argelift uytgefeyt. Ende defej
cêdulen fyn meer vanwoerde te woerde alleens fprekende. Gegeven in 't jaer ons heren dufent vier hondert ende feftien op finte Calixtus dach. Onder die geene , welke met Jan van den Spiegel in 't vorige jaar hadden getracht deze Stadt te over- vallen , was eenen Aernt Dircx zoon, die zich t'Amersfoortonthoudende,door de Regeerders dier Stadt overgegeven is aan den Raadt -van Utrecht, en'dtewyl zulks gefchied was op verzoek van den Raadt van Utrecht , en niet om dat zy zulks verpliqh t waren, heeft die deswegens den xii. November aan die van Amersfoort hare dankzegging^ betuigt met
N 4 eenen
j
|
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||
|
|
s« T se HE
eeuen brief, welke te vinden is by Matthaeus,(i)
Ook heeft in dit jaar Keyzer Sigismund alle de voorrechten eertyts aan de Kerk en Biflchop van Utrecht van zyne vqorgangeren gegeven» beve- fticht. (a)
1417.
"'". \
In het jaar 1417. zyn tot de Regeering benoemt
Schepenen.
n '!
Willam van Wynfen, Borgermeiftes.
Johan Hombout. Johan van Lichtenberch. Willam van Alen dorp. Mattheeus Pot, " g Vranc de Wit. Godert de Koenine. Vrederic Huberts zoen. Aernt van Amerongen. Melis van Mynden. JLerft van Herdenbroec. Tacpb van Clarenbprch. ! ,: iji l
. . . 'J' (V
v f r; ' i; '"\
Raden. -: , H t
: 5ui : '' riil ' t .
Herman Zittert. c.
Egbert van Gruenenbercl^.
Willam Henrix zoen. :.,').,'^ m ^
Huge de Goyer. '::- .WV.JD
|i?Qlpert Fqyt. . : :, ; ni,f -. -"
|
||||
|
|
|||||
|
|
",.- - i- -, i
; .fi> M*ttlK de Jure Gkdi'i cap, XJCXT. «ai i» Dedicat iep.'A-
piersf. Script. ' (s) Ziet Hedi p. 174.
' /"
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
||||||||||
|
|
J A A
GJaes-Marfèlfs zoen. , - .w bbi tfstm
BeérntProys. ^i sioO
Johan.-VoiC . . .. =h ttf < h > L-, i
Heoric van der Siyt, , -, ?v
Henric van Schalcwyg. i* ^
È)han Sloyer. ; i \i
gbert Zuermont.
Ja» Getyi» zoen. _ - - - i " .
Gheryt van Hensbeecr
Wernaer Braem. Jacob van Hollanf, Gheryt de Keyfer. Willatn Bogemaker. Mattheus Pouwels Scrodekyq, Henric van Cieve. UiW
Gheryt van Zanten.
Peter Jacobs zoent .'-KI V
Henric Vrenc. -,?,% ^ ne.flcr
JCorskyn Wajraer.
L'Q »
Oudermannetb ~vM HBV
. .-:H nsv
W"1 QC^ael< > Wantfhiders.
Willam Schade.
DircvanAmerongenty^
Henric Stamer.
Henric Spiker. > tja-jjers ^'ta
|
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
Claes Geryts zoen. -»"' ' >
|
|
LUJV
|
|||||||
|
|
||||||||||
|
|
Jan Scout. -i
Willam van der Woert. *
|
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
N 5
|
|||||||||
|
|
||||||||||
|
|
||||||||
|
|
,e» y T H E C » T S C H E
Steven van Sleen. > vjr , ,
Peter Kalle. > Vifchkopers.
Marten Bruninx zoen. -, T
Peter Jacobs zoen. > Louwws. Willam de Verwer. * T ^r^i^ LieboertWillamszoen. > wo«eweverj,
Henric de Witte. , T\/r,,ij»-'
Vrederic Trinde. > iviarsluden'
Ghifebrechr lans zoen. -i n V_..T .,._
Gheryt Schillinc. > OudtcordewMieT..
Weffêl Zuermont. -ï « ..
'
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
Ghent
.: '"f Ryemfniders.
,
Aernt Willams zoe,n. > * ,, ' i
Herman Weflel^oen/Bylhouwers'
Wouter Grawert. . ->c <
Reyner Koenen zoen/
Michiel Jans zoen. -r r7 , ,
Claes Floretis-zöén. * -^aae^eFS-
. < "
In het begin van dit jaar t« weten Vrydags na
Agnetis heeft d« Raadt hare borgers ontheft van Se" betalinge van:deti Molenfys, uiEgenomende Backers, die van eiken mudde moeiten geven een Brjfoamfche placke. i ! Daer |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
||||
|
|
1417- J A A R B O E K E N. T 203,
Daer en tegen heeft de Raadt des Sondags na
Pauli converfio belaftinge geleyt op den Turf, en verllaan, dat een fchouwe fwarte turfs te fyze" geven zoude zes doytkens, en een fchouwe witte turfs drie doytkens.
Schoon dit weinig tot de Urechtfche gefchiede»
niffen fchynt te behoren,hebbe ik het evenwel nodig geacht te moeten vermelden, .om het te doen die*', nen tot een bewys , dat van oude tyden af, de Raadt van de Stadt Utrecht het recht gehadt heeft van accynfen op deze en geene waren en goederen op en af te nellen, zonder dat daar toe vereifeht. wierd de voorkennifle of toeuemminge van de Su»" ten en des Biflchpps. Waar van ik buiten dezen veelë- andere voorbeelden zoude konnen bybrengen, in* dien zulks hier de plaatfewas. Waar ui t zoude bly-" ken, hoe ongegrond zommige Heeren van de voor-- Hemmende Leden voor eenige jaren aan de Regeer- ders dezer Stadt hebben willen betwifien het recht, om hunne Stads accynfen, indien zy zulks nodig oordeelden, te verhogen, en in het byzonder op den Turf, in hunne Stadt en Vryheit gebruikt wordende.
Een Tournoy fpel alhier zullende gehouden
worden , heeft de Raadt vrydags na Mathei vry- geleide voor eenige dagen verleent aan cliegeene,, die hier in deel zouden hebben, en voorts hunne, borgeren en ingezetenen gewaarfchout baar en hare kinderen te lewaeren , dat hem van den per- den of van de fpuelres niet en miffchie, taant dt Raet daer geen recht ofgedaen enivilhebben. Welk laatfte altyd in 't vervolg, wanneer Tournoyfpee- len alhier vertoont wierden,, is afgekondigt.
Dit jaar is in de gefchiedenifTen merkwaardig,
wegens heï. overlyden vap Hertog JFittem van
Beye-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
U T R E C H T S C H E
Seyeren op den laatften dag van May voorgeval-
len , zonder manlyk oir na te laten, wordende in zyne heerlykheden en goederen opgevolgtdoorzy- ne eenige dochter Jacoba van Beyeren, zeer be- roemt wegens hare ongelukkige lotgevallen. Om- trent twee maanden te voren , was haar Gemaal de Dauphyn van Vrankryk door vergift om 't le- ven gekomen, en zy dus, maar zeftien jaren oudt zynde, weduwe geworden. Het verhaal van haare levensgevallen, als meer tot de Hollandfche, dan tot de Stichtfche gefchiedenifïen behorende , zal ik overflaan , en alleen maar aantekenen 't geene zyne betrekking tot ons Sticht en de Scadt Utrecht heeft, en dus eerft melden't geen Yfelftein te beurt is gevallen.
Na den gemaakten vrede in't jaar 1413. tuflchen
Hertog JVtllem^ als Graaf van Holland , en Rey- naut Hertog van Gelre, hadde de laatfte op eenen tydt, wanneer die Vorften zich luftig hadden ge- maakt en wel wyn gedronken , aan den eerfteu gezegt * gelukkig te zyn dat de vreede getroffen was, vermits hy anders zyne gevangen zoude zyn geweeft, Hertog Wilkm hier niet op antwoor- dende, onthield echter dit zeggen, om te zyner tydt nader onderzoek te doen , ter ontdekkinge der gèenen, die zoo een verradersgruwelftukzou- den hebben willen plegen. In 't volgende jaar J&n van cirkel in Braband gevat, en aan Hertog fjFillem .overgegeven, en eerft te Gouda gevangen gezet, hadde aan Hertog Willem ontdekt, wied© Edellieden waren , die zoo trouwloos met hem zouden gehandelt hebben. En fchoon Hertog fföUem hier van noch niets aan 't gemeen open- baarde, zoo ging echter het gerucht onder't volk, Êat Janwn £gmont -Heer van YfeUleJn eazyii
broe-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN. 5105
broeder Willem dit voornemen hadden trachten
werkftellig te maken (ï). Welke door hunne vrienden hier over aangefproken , en aange- raden zyn , indien zy fchuldig waren op hunne veiïigheit in tyds te denken, en indien ónfthöh- dig zich te zuiveren. Zy dit laatfte verkiezende, bieden aan hunne verdediging zelfs in perzoon voor Hertog Willem te doen, onder beding van vry te komen en weder te mogen keeren. Ditwierd hen toegedaan , en een dag van rechten beftemt en gelegt om zich te verantwoorden. Doch zy niet komende , wierden gedagvaart voor 'c Hof van Hertog Willem tot driemalen, en niet verfehy* nende, veroordeelt lyf en goed verbeurt te heb- ben. De Raden van Hertog Willem naar Yfelftein gaande om dit vonnis ter uitvoer te brengen, wier- den buiten gehouden door Jan van Egmont, die aan dat vonnis niet wilde gehoorzamen en zich in Yfelftein verfterkte. Waarom Hertog Willem genootzaakt was krygsvolk daar na toe te zenden, tan welke by verdrag de Stadt en 't (lot van Yfelfteia wierde overgegeven. Doch de Heer Wïüem van JEgfnont de tyding van het overlydertvan Hertog Willem krygende , trekt aanftonts (te weten den elfden dag daarna) naar Yfelftein en krygt de Stadt met hulpe van eenige borgers van binnen wederom in zyne macht. De Heeren van Brede- rode en Montfoort dit vernemende , verzuimden geen tydr om Yfelftein wederom te rermeeftereu,
ea
" '. ' " -- ''-' '
(i) fiat JM en Wilhm van Egmoad aan den Hertog van
Gelre hadden belooft , Hertog Wiüem in zyne handen t« leveren , verhaalt Voflius lib. xv. Annal. p. ity. en dat de Heer van Arkel , met de pynbank gedreigt zjnde , dit ook h»ddebdeden, zegt d*zel«^Sciryrerp. i^i |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
UT R E C M T S C H X 1417.
ert die op het flot geweken waren te hulpe te ko-
mefl , verzoekende die van Utrecht en Amers- foort hen by te willen ftaan, onder beloften, ah 'zy de Stadt innamen , aan hun goedvinden over te zullen laten de Stadt te bewaren , of met het floc af te breken en neder te werpen. Waar op die aattftonts hun volk naar Yfelftein zenden, te hiëer, om dat Lochor/t, Spiegel, en meer ballin- gen zich by den Heer van Egmont begeven had- den, By dezert voegden zich naderhand verfchei- de Hollandfche Steden , nevens Hertog Jan van Beyeren , en wierd dus de Heer van Egmont ge- nootzaakt de Stadt by verdrag over te geven. Ver- volgens aan die van Utrecht en Amersfoort toege- ftaan zynde hunnen wil met Yfelftein te doen, heb- ben zy de Stadts poorten en muuren om ver ge- haalt , en de Stadt verbrant, uitgenomen de kerk en het kloofter, op S. Pieters en Paulus dag (i), zynde zeer verbittert tegen deze Stadt, om dat ze éene fchuilplaats was voor hunne ballingen,die zich veeltyds in dezelve onthielden , en heeft Vrouw Jacoba deze verwoeftinge van de Stadt niet alleen goedgekeurt, maar erkent dat het met haren wil, confent, en zelfs op haar verzoek en bevel ge fchiet zy. (2)
Voorts zyn die van Utrecht en Amersfoort, hét
houdende met de HoekfchejVrouw^^tf getrouw gebleven tegen haaren Oom Jan van tieyeren, .verkoren Biflchop van La-yk ,-en de-Cabeljauwfchês, -die hem aanhongen, tegen hunne wettige Land- vrouw i welke veele verwoeftingen in den lande
aange-
(i) Ze verhaalt het Veldettaar. Heda brengt dit t'onrecht
«p her volgende jaar.
(a) Ziet de brief bier van by Matth. te ix. And. p. f oz.
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
J 4 A R P O E K B TT. poj?
aangerecht hebben, die door de Hoüandfehe Sch#ü
vers in het brede geboekt zyn.
Hier van hebben die van Utrecht en Amersfoort
blyken gegeven in het wederkrygenvanGornicbemi, welke Stadt donderdags na S.Elil'abeth door Wil» km van Egmont en eenige vrienden van den Heef van Arkel ingenomen wierd, zoo dat de Hollan? ders, die de Stadt in gehadt hadden, genootzaakr wierden op het flot te wyken. Wlttem van Jtrfof dit geboodfchapt wordende, kwam aanftontsbin» nen Gornicbemt en volk, zoo uit Gelderland,all uit 't land van Luyk, ter zyner hulpe verzocht on verkregen hebbende , trachte zich in 't bezit dei Stadt te veftigen en het flot. te vermeefteren. Aan den anderen kant verzuimde Vrouw Jacoba niets, om hare vrienden die op hetflqt waren, te ontzet- ten , en vergaderde ten dien einde eenig volk uit Holland en Zeland , en kw&m zelfs voor Gor- nicbetn en geraakte met eenige manfchap in het flot. Die van Utrecht en Amersfoort kwamen ook ter hulpe van Vrouw Jacoba ^ en uit hunne fchepen komende,braken de Waterpoort, waar by het flot Hond aan de zyde van de Merwe , op , en maak- ten een gat in de muur , komende dus met hun. volk binnen de Stadt, zonder dat de Heer van Arkel, die binnen Gornichem wel vyf en twintig honderti of zo andere verhalen 3000, ja 4000. gewapende mannen hadde, dit belettede. Hier door was het flot wel verzekert, doch vermits de Heer van Arkel eene gracht hadde doen graven tuflchen hei flot ea de Stadt, om niet uit het flot te worden overvallen, zoo bleef de Heer van Arkel meefter vanhetgroot- fte gedeelte der Stadt. WaaromVrouw^f ob» befluit haar volk een weinig om te doen trekken en den Heer vm Arkel te verdciven (andere zeggen., dat de
" Utrech-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
UTRECHTSCHfc
Utrechtenaars en Amersfoortenaars over de gracht
getrokken zyn, en zich zoo by hè t volk van Vrouw Jacoba gevoegt hebben.) 't Welk de Heer van Arkel vernemende , zyn volk op de markt, en op eenei breede ftraat in flagordre geftelt heeft. Doch dit heeft de Hollanders, met hunne helpers, fchoon minder in getal dan de Arkelfche, niet afgefchrikt, maar zyn op hen aangevallen, en Wierd 'er lang van beide zyden dapper en kloekmoedig gevoch- ten , tot dat eindelyk Vrouw Jacoba de overhanc behield , en dus Gornicbem wederom onder hare gehoorzaamheit bracht. In dezen ttrydt, die den eerften December voorviel, zyn van de Arkelfche zyde duïzent mannen, en daar onder Willem van Jtrkel en veele Edellieden gebleven, en een ge- lyk getal gevangen geworden, (i) Van de andere zyde heeft ffalraven vanBrederode daar het levert gelaten , tot grote fmerte en verlies voor Vrouw Jacoba en de Hoekfchen, wier hooft hy was.
Die van Utrecht en Amersfoort hebben hier veel
lof en eer behaalt, hebbende alleen met het wei- nige volk , waar mede Vrouw Jacoba in het Ka- fteel gekomen was, eer de Hollandfche Steden haar volk gezonden hadden , zoo heldhaftig ge- ftreden , en zoo eene aanzienlyke overwinninge helpen behaalen.
Dit heeft ook Vrouw Jacoba dankelyk erkent j
en niet alleen hunne voorechten en privilegiën , byfonder omtrent de tolrechten, beveftigt, maar ook zich verbonden genenzoen of v? ede met hunne
vyati'
(i) De voornaamfte der zelve worden genoemt by Heda
Hift.Ultr. p.z;j. Veldenaarbladz.309.Gouthoevenbladr.4j6. Voffius lib. xvi. Annal. Anon. de vita & rebui geftis Domin. 4c Arkel apud Matth. t.viii. Annal. p. 3^.1. «n «ndere,
. >
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||||||
|
|
|
|
|||||||
|
|
|
|
|
||||||
|
JAARBOEKEN
vyandert te willen ingaan," ten zy ze daar mede in
begrepen" waren , en voorts hen toegeflaan twee deelen van de fchattingén, die de gevangenen voor hunne loffinge zouden betalen. Waar van ik de* ze drie brieven, op eenen dag getekend, gevonden' hebbe.: Welke , fchoon zy eigentlyk.v naar den- Utrechtfchen ftyl, in het begin van het volgende jaar gegeven zyn , om dat zy het gevolg; van het zoo even,verhaalde behelzen , ik hier laat vojr gen:
Jacob, by der genaeden Goids Hertoginne
in Beyeren , Delphinne van Vyenne , Gravin», ,V ne- van Henegouwen , van Hollant, van Ze- larct > ende Vrouwe van Vrieslant. Want on* fe lieve ende geminde vrende de Stat van*UtredK ende hoir borgers, ons, ende den onfen, trou- like dientten ende goetwillieheyt bewyft heb* bed hc onfen zake ,-zeder dat onfe lieve Heer ende vader Hertoge ff^illem van Beyeren , zali- ger-gèdachten, aflivich wert,fo voir YiFelftein, fo tot Gorinchem , ende onfs alfo truwelyc byt ,T gebleven fyn in der onvrede ende onmoede, die óafe Oem Hertoge Jan van Beyeren (i), EJeft toe 3jijü ui' Ludiek
;:jft'5* ' - ; ' . - - "
(i)' J6« trouwloofe handel van dezen Jan van Ëeyertntdiói
fchoon h}' toegeftemt hadde in het huwelyk van zynenichte roet Hertog "fa» Van %r*bant > echter by KeyTef Sigismond en de Kerkvergadering van Conftans , uitwerkte j :.dat do goetkeuringe, en, zoo men zegt, de difpenfatie van,dit Hu-= welyk , vermits zy broeders en z.ufters kinderen waren, erf dus den anderen in den derden graa"d beftondeti:, niet kohde verkregen worden, en hoe hy zyn Bisdom vart Luykafftaan- de, in de maand van September zich naar Dordrecht begaf» «n daar van de Hollandfche Steden vaot Voogt. vag Vnjyw facoba wflde erkent wordem^ ^n de gevolgen van-dwffjkonj m-n by Gouthoeven en andere Hollandfch* Schryveren nage* «icn wotëgn,, , .- . -,v ; .. ek-; *»«>» _>x.7.i -*- |
|||||||||
|
|
|||||||||
|
|
|
|
ó
|
||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||
|
|
||||||
|
|
ffi» UT R E C H T S C H E 1417.
Ludiek, ende Grave van Loon, mit onrecht aan
ons gekeert heeft, dat wy dez ummer fculdich fyn duegentlyk op hem luden te gedencken; fo hebben wy daer om, ende om andere dien- ften , die fy ons in toekomenden tyden noch doen moegen , wt goeden gronden onfer her- ten geconfirmeert ende geveftigt, confirmeren ende veftigen mit defen brievé, alle alfulke ,, hantveften , privilegiën ende brievé , als die goede Stadt ende burgers van Utrecht voirfcre- ven hebben van onfen voirvaderen Graven te Hollant, ende fonderlinge fulke brievé , ver- claringe ende voirwairde van tolrechte ende dienfte , als fy van onfen lieven Heer ende Va- der, zaliger gedachten , left vercregen hebben bezegelt: ende geloven voir ons ende voir on- fe nacomelingen, die Stat, ende burgeren voir- fcreven , dair in te houden, ende te ftarcken , ,', degen enen ygeliken , nae inhouden der hant- veften , ende brievé voirgenoemt. Ontbieden v dairom, ende bevelen, allen onfen Baliuwen, Droflaten , Tolnaren , Scouten , Rechteren , Amptluden , ende anders allen onfen goeden luden ende onderfaten overal in den onfen , dat fy die Stat ende burgeren van Utrecht, mit j, allen horen liven ende goeden, ruftelic, vre- delic, ende ongehindert, laten varen, merren, keren , ende wefen over al , dairt hem genue- gen fal, in den onfen, te water ende te lande, ende hem guetlic ende vordelic fyn in allen ho- ren zaken , na inhout hoerre brievé ende voir- M wairden voirfcreve. In kennifle der waer- heit, zo hebben wy onzen zegel hier an doen hangen. Gegeven in den Hage op ten leften dach van Januarius in 't jair ons heren du-
fertt
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN.
», fent viet hondert ende zeventhien na deü lepe
n van onfen Hove.
Jacob by der genaden Goids &c. doen eondt
allen luden , want onfe geminde vriende, die Stat van Utrecht, ende hoir borgeren, omon- ,» fer begeerten ende liefden wille, onfs truwelic ende geftoutelic gedient, byftandich ende ge- hulpich geweeft hebben, noch zyn, ende, of God wil, noch wefen fullen in allen gefchefte, overvalle ende moyenifle, als ons, onfen fte- den, landen ende luden van onfen Oem,Her- toge Jam van Beyeren, nu ter tyt EleftvanLu- dick, ende Grave tot Loen, aengeleecht ende gedaen zyn, fo feilen wy onfe vriende de Stac van Utrecht, ende hoir borgerendair in moge- liken beforgen ende ontheffen : ende hebben dairom geloift, ende geloven mit defen brie- ve , der Stat van Utrecht, ende horen borge- ,, ren, in goeder trouw , alfe dat wy tot geenre tyt ons, onfefteden, lande ende lude, miton- fen Oero voerfcreven verdichten , verfue- nen , off tot meerre vrientfchap verlikenen en fullen, wy en feilen de voirfcreve Stac ende borgeren van Utrecht mede beforgen, verliken, ende in heelre vrientfcap mede brengen mit onfen Oem voirfcreve , van allen onfen eade horen faken , die zy mit onfen Oem voirfcreve om onfen wille, ofte van horen ballingen rue- rende , of ander wtftaen hebben , ende noch overbodich zyn hair zaken aen ons te keren , etide by ons rechtinge te doen , ende te ne- men , wtgefet alle argelift. In orconde defen brief &c.
Jacob , bi der genaden Goids &c., doen
condt süien Inden. Wane wy, gedachtig ende
O a aen-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
aia ÜTRECHTSCHE 1417.
aenfiende de grote trouwe, ende willige dienft
ende vliete , die onfe geminde vriende , die Stat van Utrecht ende hore borgeren ende on- derfaten , onfs in den beginne van onfer heer- licheden voirfcreven , terftont na dode onfs liefs heren ende Vaders Hertoge Willams, die God genadeliken gedencken wil, ende doewy noch wtlandich ons lants van Hollant waren , gedaen hebben, ende mit onfen getruwen Rai- den, vrienden, fteden ende goeden luden,on- ,-, fe flot ende ftede tot Yfelfteyn, die ons van here Willam van Egmonde , mit fommige bal- lingen onzer lande, ende anderen,dair wy fon- der vede ofte huede voir waren,mit onrecht offge- wonnen, ende becrafticht waren, hebben helpen inwinnen, ende weder brengen in onfen handen op hoir felfs coft: ende dair na by ons felfslive truwelike ende eerliken in onfen ftryde ende gefcheefte tot Gorinchem,doe ons onfeftatvan Gorinchem voirfcreve eerfte van Heer Jan ,, van E&monde, ende den finen, oick mit onrecht ontwelacht was, dair Grave Robbrecht van Ver- nenborcb, Wlllem zoen f Ar kei ^ ende meer, die ,, zy dair geworven hadden tegens onfs , ende na ingecomen waren, mit onfen vrienden , ende goeden luden voirfcreven , geweeft hebben , ende ons die voirfcreve onfe bruekige helpen wederftaen, ende den ftryt ende onfe ftat voir- fcreve weder helpen winnen ; foe hebben wy ,, van onfer gracien, mit onfen goeden vryen wil- Ie , ende by raide onfer getruwer Raide ende vriende, gegonnen ende gegeven, gunnen en- ,, de geven mit defen brieve der Stat van Utrecht, i, horen Raiden , borgeren ende onderfaten , die mit hem waren in den voirfcreyen onfen ftryde,
}, ende
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
J A A R B O E K E N. 213
ende in dier reyfen in onfer ftat van Gorinchem
al dair gevangen hebben tot horen vryen wille, nutfcap ende orbair te hebben, te houden en- de te fcatten by ons: dats te weten, dat zy en- de onfe vriende , die wy dair by vuegen ende ,, beveel doen feilen , dair off alle die gevangen voirfcreve, ende elx van hem in horen ftat voir- fcreven , van ons, ende van hore wegen, fee- ten , ftocken ende fcatten fullen mogen. En- de fo wes geit ende goet van die fcattinge co- men fal, dair off feilen wy hebben, heffen en- de behouden , dat rechte derdedeel, ende die Stad van Utrecht voirfcreve die ander twe dee- len. Ende hebben hier om geloift ende gelo- ven in goeder truwe voir ons, ende onfen er- ven ende nacomelingen mit defen brieve horen Raiden , borgeren ende onderfaten van defen gevangen, off van hore fcattinge , of van des hier of rueren mach, nummermeer aenfprake, moynifle ofte hinder om te doen , of te ge- fchien laten van onfer wegen. Wair oick tfa- ke, dat om des ftryts ofte om der gevangen wil- Ie voirfcreve , onfen vrienden der Stat van Utrecht, off horen borgeren , off onderfa- ten, enige aenfprake , vorderinge , moyenilïe ofte hinder, van den hogeborne Vorfte, onfen neve, den Hertpge van Gelre, ofte van yemanc anders gefciede, dair zullen wy der fel ver Stat ende horen borgeren ende onderfaten, geheel- liken byftandich in wefen, ende hem dair ynne te hulpe comen mitten eerften na allen onfen vermuegen , na dat die faken gelegen fullen ,, zyn , ende zy onfer behoefden; want die hoir faken onfe zyn, en ons fo tevoerftaen gebue- ren. Mede feilen wy ende die Stat voirfcreve
O 3 elc
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
»i4 UTRE C HTS C HE
iele den anderen oirveden ende verloften geftiea
laten van allen den gevangen , die 'Wy ende ,, onfe vriende, ofte zy vengen in den ftryde en- de gefcheefte voirfcreven , ende dair off van den gevangen dubbelde oirveden doen maken, ende die malcanderen over te doen geven, wt- gefeecht alle argelift. In kennifle hier off &c. (ï)
Gouthoeven fchryft, dat de Utrechtenaars Jan
van Egmont, met meer andere edele en onede- le , tot duizent toe gevangen gekregen hadden. Doch ik geloof liever Heda, die zegt, dat zyvier honden gevangenen t'Utrecht gebracht hebben, zynde het tneefte gedeelte der gevangene naar den Haag vervoert.
Ter vergoedinge derhalven van de koften, die
de Stadt en de borgers, welke zonder foldye op hnune eigen kollen,dezen dienft aan Vrouw Jacoba hadden gedaan , wierd hen dit gedeelte van het losgeld , volgens de gewoonte van die tyden, ia welke de gevangene niet dan voor betaald los- geld wierden vrygelaten, toegedaan.
Voor
(i) Diergelyke brieven heeft Vrouw J-acot* ook gegeven
aan Amersfoort. Ziiet Matth. Rer. Amersf. Script, p. 238, & feqq. alwaar de dagtekeninge van den laatften brief ge- ftelt word den terfen dacb in Januario , daar die aan Utrecht op dtn Iepen Jach in Januario gegeven il, en uit deze dagtekeninge tracht hy Veldenaar , Scriverius en de overige HolUndfche Schryvers te wederleggen, die het overlyden van Hertog Willtm op dit jaar brengen , wil- lende dat hy in 't vorige jaa» 1411$. geftorven is. Doch de Heer Mattheus heeft niet gelet op de iaatfte woor- den , na den fop van onftn Have , volgens welke het jaar met Pafcha begon , alt de Heer Mattheus zelfs aanmerkt torn. v. Analeö. p. «34. ziet het gene ik biet boren blad», f ï- W ff> |
|
||
|
|
||||
|
|
|||
|
JAARBOEKEN.
Voor deze vergunninge hadden fommige der
Utrechtfche borgers en onderfaten, in dien ftryt enige gevangene bekomen hebbende , dezelve niet aangebracht, of belooft voor een zeker losgelt vry te laten , of vrygelaten, onder voorwaarden van op zekeren bepaalden tyd zich wederom in hunne handen te ftellen , en daar voor panden ontfangen, en dat wel buiten weten der Overften van de Stadt,die met eenige uit den Raadt mede te Gornichem geweeft waren, 't welk de Raadt zeer euvel heeft opgenomen , en by klokluidinge aan den volke dit navolgende heeft laten bekent ma- ken , des dynsdages na S,. Claes dage. Een woens- dage na /tnte Andries dage is tot Gornichem geftre- den , daer veel lude gevangen fyn. hierom laet die Raet van der Stat enen ygeliken weten van onfen borgeren of 'onderfaten, off die mit onfen vrenden tot Gornicbem geiueeft hebben, ende enige gevangen daer in den ftryde, of daer na gevangen b ebben, ofte in eni- ger loften genoemen hebben, ofdienocbbebben, of hem enigen dacb gegeven hebben, bitten weten der Over ft er van onfer Stat,die daer in der reyfe ende ft ry de waren, dat cenygeltC)die hierfcout inne beeft, die gevangen onfen Overften overlevere tot ons Kaets behoef, ende die geloften onfen Overften by brenge, ende alfulke da- gen ende zulke panden , als fy daer afhebben: ende dit doen van de/èn daghe by fchinen der zonnen. Ende yemant, die dit niet en de de, ende hem hier inns verfumede, ende die gevangen, die dage, die gelofte ende pande onfe Overften niet by en bracht e, als voir- fcreven is, dat woude die Kaet rechten mitten zweerde aenfyn lyjf, ende daer nyemant inne verfcbonen.
In dit jaar heeft de Raadt ter verzekeringe van
de gemeene rufte, om de ballingen alle gelegen- heit te benemen, van aanhang in hunne Stadt te
O 4
|
|
||
|
|
|||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
sifr UTRECHT S C HE 1417.
maken, des maandags na Petri ad vin cula dit merk-
waardig befluit genomen : Waert van defer tyt voert enicb van onfen borgeren , off"die in onfe Stat woenacbticb tvaer , man ofvoyf, die hem f elven, fyn kynderen, fyn neven, of fyn nifien, aen enigen van den ballingben-, off aen enigen die wtgefet, off votgevjy/l fyn op defer tyt, off"aen haer kynderent billEle , off bilix vorwaerde mede makede, offyn goet daer mede lovede, off gave, off" dede loven, of- te geven , voer of nae , beymelic ofopenbaer, die foude twinticb jaer uter Stat -wefen , ende een mile van der Stat: ende die gebiliiïe perfoon f'oude des- gelyx twinticb jaer uter Stat laefen, ende een mile van der Stat.
Noch vinde ik, dat in dit jaar de Raadt ver-
nieuwt heeft eene Overdracht indenjare 1399. ge- maakt omtrent die geene, die in overfpel leefden, welke in 't vervolg jaarlyks herhaalt is, en dewyl daar uit blykt, hoe gering in die tyden deze mis- daat gerekent is, zal ik het befluit des Raadts hier plaats geven. Waar op naderhantKeyzer Ka- rel indenjare 1550. eene geldboete van 10. guldens voor de eerfte reyze, van twintig guldens voor de tweede reyze, en van banniflement of andere corre- £He tot difcretie van den Rechter geftelt heeft,wor- dende de flraffe des overfpels thans in ons Gemeene- beft meeft aan'tgoetvindenvan den Rechter over- gelaten , en veeltyds , indien de fchuldige lieden van vermogen zyn , met eene geldboete goedge- maakt. (i) Het Befluit ftaat aldus geboekt;
Des
fi) Hier over verdient nagezien te worden de oude Heer
Matthaeus in zyn geleert werk de Criminibus ad lib. XLVUI. Dig. tit. ui. de Adulter. alwaar by aantoont de fchandelyk- heit van diergelyke landwetten, als ftrydende tegen het vpor. fchrift van den Opperftep Wetgever, de gezonde reden, en Jiet gevoelen van verfchfydo volkeren, en wyze mannen, |
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||||
|
|
14x7. JAARBOEKEN.
» ,
dynsdages na fint e Wilkboerts dage.
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
t
Overdroegen Scepen^ Rade ende Oudermans van
den Rade , ow e»dfe nye , alfoe voertyts oick over' dragen h in denjare van xcix. op ten xiu. avant , ende ter doeken gekundicbt. Waer yemant , die in epen- bare over/puele fat e in onfer Stat , of in onfer Stat vribeden , die feilen recbtevoert van malcanderen fcheiden ende bliven; ende vonde ment , dat fy van malcanderen nyet gefcbeiden en -waren , zoe zoude die man een maent leggen in den t oer n, endetwyf zoude een jaar uter Stat vjefen , ende een mile van der Stat. Ende waertfake, dat enicb manofwyfc die in over/puele hier toe^ of bier na gezeten bad" den , of zaeten , ende weder vergaerden , ende in overfpuele te zaemen quaemen , zo zoude die man twe maenden in den toern leggen , ende dat vuyf twe jaer uter Stat vaefen , alfo dicke , alst ymant dede. Ende bier beeft de Raet van der Stat boer Raede toe gezet , die die bruekigbe hier inne ver- nemen feilen. Ende dit felmen alle jaer mitten vrede ter kloeken kundigen , ende alle jaer fel die Raet die boer e daer toe zetten , die te bewaren , dat yerfte dat die Raet vercoren is.
In hec einde van dit jaar is Biflchop Frederik
van Blankenbeim zeer ontruft door de trouwloos- heit van zynen dienftman Everivyn van Guyterivyck, die op S.Andries dag eenen inval in het Twent ge- daan en veel roof uit dat land gehaalt en gebracht heeft op zyn kafteel te Nyenhuys ; waarom de Bifichop , met hulpe van de Steden Deventer , Cam- pen en Zwoll , dat kafteel zes weken lang in 't Volgende jaar belegert heeft , zoo dat Everwyn van Guytervjyck genootzaakt is geweeft 't zelve over te geven , onder voorwaarden , dat de Bif-
O 5 fchop
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
»i« UTRECHTSCHE 1418.
fchop 't zelve zoude behouden vyf jaren lang, en
dat na dien tydt tzelve zoude konnen geloft wor- den met 8300. guldens, (i)
Eer wy van dit jaar affcheiden, moet ik noch
melden, dat de Prior en het Convent van de Kar- thuyfers te Bloemendaal buiten de Weerdpoort, eene broederfchap hebben aangegaan met de Kerk van St. Jan. Waar in dezelve beftaan heeft, kan nagezien worden by Mattb. lib. u. de Nobil. cap. 36. als mede dat te Zwoll eene groote opftand tegen de Regeering geweeft is, welke tot haare hulpe eenige krygsknechten gekregen hebbende, de op- roerige loon naar werk heeft doen erlangen, zoo met deftraffe des doods als met uitbanningen, wel- ke door Biffchop Frederik van "THankenkeim zyn goetgekeurt. (a)
i 4 i 8.
fa 't jaar 1418. zyn tot Regeering benoemt:
Schepenen,
x
Folprecht van Amerongen, Borgermeefter.
Vrederic van Drakenborch. Goedfcalc van Winfen. Johan Pot.
Dire
(1) Ziet Heda p. 17». Revius in Daventrfa illuftrata lib.i.
p. pf. en Dumbar t. n. Anal. p. 414. hebbende Buchel op Heda aangetekeht, dat uit het gedacht van dezen Guyterwyck de tegenwoordige Graven van Benthem hunnen oirfpronk hebben.
(2) Ziet de brief hier van by Dumbar t. n. Anal. p. 409.
die ook p. 410. te berde brengt den brief, waar by in't zelve jaar het C*ttrve*r aan bet Sticht gekomen is. .1 |
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||
|
|
I4i8. JAARBOEKE N. si0
Dirc vander Weyde.
Claes van Loenen. Willam van Zulen. Willam Woudman. Timan Paelvoet. Lodewich de Wael. Braem van Landscroen. Jonge Jan van Lichtenberch.
Raden.
1
Jacob Sloyer.
Jan Knyff.
Riqwyn Jans zoen.
Ermbrecht over Ryn.
Jacob Vrederix zoen.
Jacob Geryts zoen.
Jacob Haeck.
Tyman Trinde.
Jan van Tyell Otten zoen.
Hendric van Endoven.
Claes Buer.
Dirc van Houdaen, B wgermceüer.
Huge Grawert.
Tyman van Zulen.
Jan Bolle.
Mattheus Scrodékyn.
Tyman van Dorsfchen.
Peter Stevens zoen.
Lambert Claes zoen.
Henric Pouwels zoen.
Peter Scrodékyn.
Machelem van der Stryp.
Peter Foyt.
Herman die Vroede. .....i.
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
|
-
|
|
|
||||
|
|
~ Ouder-
|
|||||||
|
|
||||||||
|
|
||||||||
|
|
«ao U. T R E C H T S C H p 1418:
'
Oudermannen.
.-
Ghifebrecht van den Ryn.} Wantfniders.
Hennc van Bnenen. Dirc Geryts zoen van Ruweel.i <;_.».._ Claes van den Zande. Jacob Scrodekyn. \ »-!.-.
H* T T i"* i JjcltitCrS»
enne Hafert.
GherytPyl. } MólenaarS.
Gheryt Beernts.J Herberen van Linfchoten. -, . Wermbout van Bakerlude. J ^
Egbert Jacobs zoen. -, yievshouwers
Steven Huberts zoen. * > leystlouwers.
Geryt Vrenc. lv:r^u/.
Ghifebrecht Jacob Vrenckens zoen/ v
Johan de Coeninc. > Tvrn_cij0,
s , ^ , _> Marsluden.
Lambert van Zulen.J
Willam van Weelde. > n^, 7 ,
c. i j ei f JBotterluden.
Splinter van der Slyc.J
.
. |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
Hubert Daniels zoen. -, o,.-.,-!,,,,,,^,
Meyfter Aernt de Verwer. > Steenblckers' Timan Walmer. -, ,
Jan Droem. > Graeuwerkers.
Ghifebrecht Louwe. -, p,mrn!jol.
Henric Janszoen. > Rvemfniders-
r ) Dirc
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
|||||||
|
|
Hi8. JAARBOEKEN. zzr
Dirc Pyl. 7 n ..
Reyner Aernt Willams zoen > Bylhouwers.
Henric Timans zoen.i c^ . DircGrawert. > Smeden.
Michiel Zalm. , - , ,
Dirc Goutflager./ ^aeizers. Henric de Wit Jans zoen.-> T Jonge Beernt Proys. > Louwers' |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
Het was de gewoonte in deze tyden, dat in de
Domkerke ep den derdenden dag,anders drie ko- ningen dag genaamt, openbare toneelfpeelen wier- den vertoont. Dit is ook in 't begin van dit jaar gefchiet, zynde de ftof, welke ten toneele ge- voert zoude worden: Koning Herodes en zyne da- den. Ik hebbe ook dikwyls gevonden , zulks in S. Jacobs kerk op andere tyden over een der By- belfche gefchiedeniflen te zyn voorgevallen. Hier van wierd eenige dagen te voren kennifle gege- ven aan het volk, met ernftig bevel, van op dien tydt in die kerken geene onzedigheit te bedryven, en bedreiginge van flraffe, indien iemant het te- gendeel deede, waar door de Speelders verhindert en de aandacht geftoort zoude worden. - >
In dit jaar , door toedoen van den Hertog van
Bourgondien, een verdrag tuflchen Vrouw Jacoba en haren Oom JanvanBeyeren (welkers inhout by de Hollandfche Schryvers te lezen is) gefloten zyn- de zyn de Steden Utrecht en Amersfoort daar mede in befoent,en heeft de Hertog haar daar vaneenen
brief
(i) De Oudermannen van deze twee gilden worden het
lutft geftelt, daar zy anders na de Viskopers geplaatft zjn. , |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
]
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
||||||
|
|
UTRECHTSCHE
brief (i) gegeven. Heda voegt 'er by , dat de
Utrechtenaars, om veiliger hunnen handel in Hol- land te konnen dryven , noch nader met Hertog Jan zyn bevredigt, mits aan hem betalende ach- tien duizent ryns gulden. De vervolger van de Chronyk van Beka , welke Mattheus torn v. Ana- leftorum heeft uitgegeven, zeit, dat zoo wel die van Amersfoort, als die van Utrecht, door uitge- zonde vrienden by Hertog Jan hebben aangehou- den , om eene volkome vriendfchap met hem te maken , onder aanbiedinge van hem genoegen te «even , over 't geen zy tegens hem mogten mis- daan hebben, en d»t die nadere zoen op den i. April dezes jaars te Woerden zoude getroffen zyn, en daar voor betaalt 18000. rynfe guldens. Doch, ik vinde hier niets van in onfe Raadsboeken, en hebbe den brief van die nadere zoene niet gezien. Dewelke, zoo ze getroffen is, zeer flecht nageko- men moet zyn, want de Heeren van Egmont, in de vrede te Woudrichem gefloten, met die van Utrecht en Amersfoort onbezoent zynde gebleven , heb- ben veel nadeel, door toelatinge van Janvan dr- kei, onfe borgers aangedaan, zoo als wy in't ver- volg zullen zien.
Ik heb op 't voorgaande jaar de belegering,
overgaaf, en daar op gevolgde afbrekinge van de muren, toorens en huizen, derStadtYffelftein gemelt. Doch dewyl 'er hier en daar noch hui. zen en getimmertens waren blyven liaan , heeft Vrouwe Jaeoba en hare man Hertog Jan van Bra- bant nadere beveelen gegeven , om alles, wat 'er noch was overich gebleven, uitgenomen de
ker-
ft) Welke nigezien kan worden by Matth. Rer. Amen f Script, p. H*« «» toto. v. Analcft. p. 633. |
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1418- JAARBOEKEN. 223
kerken en geeftelyke gebouwen , om ver te ba-
len , en dus de Stadt ten eenemaal te verdel- gen.
De brief hier van, is door Matthaeus (i) wel
uitgegeven , maar zeer gebrekkejyk , waarom ik dezelve alhier in 't geheel zal laten volgen.
Joban, by der genaeden Goots Hertoge van
Lotryck , van Brabant, van Lymborch , ende Marcgreve des huigen Rycks, Greve van He- negouwen , van Hollant, van Zelant, ende Heer van Vrieslant: ende Jacob va» Beyeren* by der zelver genaiden Hertogynne, Marcgra- vinne, Grevynne , ende Vrouwe der landen voirfcreven, doen kond allen Uiden, dat wy, overmits groter ontruwe, ende ongeloven,en- de verraderyen , die ons Hertoginne voirfcre- ve, terftont na dode faliger gedachten ons liefs heren ende Vader Hertoge Wlllems van Beye- ren , gedaen ende gefchiet fyn van dien van Yflelfteyn , bynnen der poorten , graven ende veilen aldair gezeten , ende van anderen, die ,, zy dair bynnen van buten inne gelaten hebben, ,, aen onfer Stat ende flote van Yfelftein, dairwy Hertoginne voirfcreve by grote fcade , coft , ende arbeyt mit onfen vrienden, ende der Stat van Utrecht, weder angecomen zyn, ende die weder ingewonnen hebben; ende om allen an- dren ongetruwen fpiegel ende exempel te ge- ven , ende wy oick dier ontruwen ende onge- loven dair niet veerrewachten noch lyden en willen, fo hebben wi gebeden onfen gemindeti vrienden der Stat van Utrecht, allen den van Yfelfteyn gefeten ende getymraert binnen dep
(i) Mttth. torn. ix. AiuL p.
'. .... ^
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
224 U T R E C H T S C H E 1418-
greven ende fundamenten van poirten ende mu-
ren van Yfelfteyn; dac zy tufTchen dit ende al- ,, reheyligen dage naeftcomende, wechbreken en- de nederl eggen, ende van daen rumen alle hu- fe, fchuren, berge, ende getimmert,die zyn, ende zy hebben binnen den greven endefunda- menten der muren tot Yfelfteyn voirfcreven. Ende want wy dit gebieden ende willen, wc fonderlinge ernft ende beraden onfen ende ons gemeynen Raids, fo hebben wy dair op vor- der geboden ende bevolen, bidden ende beve- len mit defen openen brieve onfe geminde y, vrienden der goeder Stat van Utrecht, dat ,, zy ons ter eeren ende te lieve , alle hufe , fchuren , berge ende getimmert, die zy bin- nen den greven ende fundamenten van mu- ren van Yfelftein ftaende ende leggende vin- den fullen, na den voirfcreve alre heyligen dage naeftcomende , branden , nederbreken ende averen , mit alre haeften ende ernfte, van onfer wegen , ende in onfen naem, wt- genomen Kerken, Cloefteren, Gafthufe , Ca- pellen , ende der Papen ende der geefterli- ker lude hufe. Ende wes die Stat van Utrecht hier of in of breken, branden of doen fal na onfen bevelen voirfcreven, des geftaen wy hore geheelliken , ende en zullen an ons, ,, noch an onfen erven ende nacomelingen , dair j, an niet broicken , noch misdoen in eniger wys. In orconde defen brieve befegelt, mit onfen fegelen. Gegeven in den Hage op on- fer Vrouwen dach aflumptio in 't jair ons he- ren dufent vier honden ende achtien.
Bi minen Heer den Hertoge, en-
de miner Vrouwe de Hertoginne ,
dair
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
I4ip. JAARBOEKEN.
dair by waren die Heer van Gulen-
borch, ende die Joncheer van Gaes- beek, de Heer van Montfoorde, de Borchgrave van Lêyden, Here Hen- ric van Waflenair, Heef Florens Van Haernfteden , ende vele ande- ren van den Raide.
- -
Dit is ook door de Utrechtenaars üitgevoeft,
even voor alreheyligen,hebbende zy alle gebouwen* uitgezondert de kerk en het kloofter, ten eene- maal weggebroken , en de fteenen uit de ftraten genomen hebbende, de Stadt tot eenen puinhoop gemaakt (i). Doch dit is die van Utrecht kwa- lyk bekomen, hebbende zy daar door den bitteren haat en vyantfchap van de Heeren van Egmont, die na het (heuvelen van Willem van cirkel de hoofden der Cabeljauwfche waren , en door Jan van Beyeren begunfligt wierden, op hunnen hals gehaalt, zoo als wy in t volgende jaar zullen zien.
t 4 t p.
In't jaar 1419. heeft de Regeering beltaan uit
deze volgende perfonen:
Schepenen.
Jan Hofflboüt. Jan van Lichtenberch , Borgefmeefter.
Wil-
(l) Ziet Snous Rer. Batav. lib. ir. p. i jf. die'er byvoegt,
dat zy de gevangene borgers gebonden te Montfoort hebben gebragt, en na de verwocftitige van de Stadt dezelve niet los gelaten hebben , dan voor losgelt hunne laadflrrau overge- Ttndc.
P
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
,2* UTRECHTSCHE
WilJam van Wynfen,
Louwerens van Hamerftein. Vrang de Wj{. Vrederic Hubrechw zoen. Aernt van Amerongen. Godevert die Koening. Jacob de Voecht van Rinevelc. Henric Vrenck. Adriaen van Lantseroen. Jan Sloyer.
Kaden.
Herman bittert.
Ghifebrecht van Galencoep.
Willam Henrix zoen.
Huge de Goyer.
Henric Jacops 2oen.
Eerft van Herdenbroec.
IJeernt Proys.
Lieboert Ryem.
Jan Vos.
Jacob van Lichtenberch.
Roelof van Elswaerc.
Henric van Scalcwyc.
Weflel Zuermont.
Ghifebrechc van der Horft.
Henric van Loenrefloet.
Geryt Boll. -
Evert van den Doem.
Willam van Ghent.
Herman Weflela zoen. . "
Willam Boechmake.r.
Jan Rwfch.
Henric van Cleve.
Wil-
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
.JAARBOEKEN
Willam van Alendorp, Bofgermeeifor.
Folpm Foyt.
Ouderfflatinen.
Pilgrini de Wael.
Willam Schade.
Henric Stamen » órtiAl
Jan Brant. > SnldefS'
Claes Ghefyts. > « ,
LoeffHafert. > BackefS'
Bartout Claes Zoen. 7 **_*
Ghifebrecht Stevens zoen.
|
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
>WolleweverS, :
Henric de Wit. , Marsiucien
Herman Weldige. > Marsiuden* Henric van Slyck.}BIud Jan van Weelde. J |
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
Gheerlof Martens zoen. -
CbesvanBoelre.
P a Wer-
|
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
. : ' i
|
|
|||||||||||||
|
|
.
|
||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
|||||
|
|
U T R E C H T S C H E 1419-
|
||||
|
|
|||||
|
|
Aernt Willams zoen. -i T>vlumiwpr<i
Mattheus Scrodekyn. ' Bylhouwers'
Wouter Grawert. » c«i«,ion -:
Wemmer van Maerfen. * '
Claes Florens zoen. T-Zadelaers
Willem Jans zoen van Scherpenborch/
' ' ' . '
Outstydts, de Stadt niet zeer betimmert zynde,
waren de meefte huizen van achteren . voorzien met ledige, plaatfen , die hoffleden genoemt wier- den , waarom men in meeft alle de overgiften der huizen gewag gemaakt vind van bunzingen en bof- fteden ; welke wlarfchynelyk zullen gedient heb- ben tot berginge van 't koorn en 't vee , voor al in ty- den van oorlog , wanneer veele verwoeftingen ten platten lande wierden aangerecht. Doch ik hebbe in alle "onze Raadsboeken geene meldinge gevonden van vee , of fchikkinge omtrent hetdry- ven , of laten lopen van 't zelve door de Stadt, dan alleen van verkens , en wel genoegzaam jaar- lyks , ten blyke ; dat 'er veele in deze Stadt zyn onderhouden. Menigwerf heeft de Raadt verbo- den verkens door de Stadt te laten lopen zonder hoeder , en gelaft dezelve in geene wedden , zoo binnefn als buiten de Stadt, te dryven, dan alleen in de nieuwe Minne , en zelfs naderhant in 't ge- heel verboden door de Stadt te dryven. Doch hier van waren uitgezonden de ver 'hens van S.jin- tbony , dier by. de Roomfche kerk. als Patroon der
beeften
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
1419. JAARBOEKEN. 229
heeften gevierd word, welke zonder hoeder door
de Stadt gingen, en door 't gemeen gevoed wier-, den, en vooral van die geene, die zelfs vee hiel- den, vaft ftellende,dat het goede,'t welke zy aan die verkens deden , niet alleen aangenaam was aan den ff. Antbonius^ maar zelfs dat zy daardoor, verdienden de befchuttinge en beveiliginge van hun, vee. (i) Deze S. Arithoni verkens , om onder- fcheiden te konnen worden van andere , waren voorzien met bellen , gekortoort, en met S. An- thoni teken getekent, en liepen vry door de Stadt, en dat wel,zoo als ik in verfcheide Raads-r befluiten gevonden hebbe', als daar toe privilegie van den fïoel van Komen hebbende. Doch dewyl verfcheide borgers hunne verkens met het nage- maakte teken van S. Anthonius door de Stadt lie- ten lopen , om dezelve door 't gemeen te laten voeden, heeft de Raadt,ter voorkominge enftui-; tinge van dit bedrog, in dit jaar , des woensdags na Jacobi , dit befluit genomen : Want de Raet van der Stat vernoemen beeft , dat fommige luden hoer verken, geliken die verken, die in de eere Goots ende fint e Anthonys gegeven [y n, ende mit finteAn-, thonis teyken geteykent fyn , ende gecortoert fyn , oick teykenen ende cortoren. oick fommige ludentey- kenen boer verken in V ander oor, ende contrefey- ten zinte Antbonis teyken, offniden hem f onrecht oer off', ende laten Jyfogaen, t bent zy volwaffev fyn, ende dan nemenfy je 'weder, ende fommige /«r den nemen oick zinte Antbonys verken, ende hou- den fy mit allen, ende verfcbalken aldus Gode, en- de de heiligen, ende den Raet. daerom verbiet den Raet, dat niemant zinte Antbonis verken en neem,
ende
(l) Ziet Matth. lib, n. Fundat. Ecclef. 18. p. ffe. . |
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
-
|
||||
|
|
|||||
|
|
UTRECHTSCHE 1419-
ende dat memant oickfyn verken en teyken mitfintc
rfntbonis tejken, xocb doet teyken ende verteyken, of sa contetfeit in dat oer of in V ander oer. Ende yemant die dmt^nige ar geit ft voert meerdede ineni- serwys aen den verken voirfcreve, dat -woude de Raet aen hem rechten openbaer ter doeken, nadien dat fy die bruekenvondengedaenaendenverkenvoir~ fcreve. En in't vervolg des woensdags na omnium Sanftorum 1448. 2yn de verkens verbeurt ver- klaart voor S, Anthonis behoef, en de eigenaars daar en boven noch voor ieder verken opgelegt tien ponden te verbeuren.
Wy hebben hier voor bladz. 57. verhaalt, hoe
Biffchop Frederik van Blankenbeim de goederen , van het Sticht vervreemt,en voor al de StadtGro- rtingen , getracht heeft wederom aan het Sticht te brengen, en de uitfpraak van den Graaf van Ben- tbem over de gefchillen tuflchen den Biffchop en de Stadt Groningen gedaan. Doch de Gronin*
fers telkefis uitftellende aan deze uitfpraak te vol-
oen , heeft de Biflchop in dezen tydt, in welke veele opfchuddingen door de Scbieringen en Vet- kopers in Vriesland en Groningerland verwekt wier- den , fterk aangedrongen op het voldoen van de gemelde uitfpraak, en hen zoo verre gebracht, dat zy zich voor Stichtfche luiden hebben erkent, en den Biffchop als hunnen Heer gehuldicht. En is de Stadt Groningen aangenomen voor de zesde Hoofdftadt des Geftichts van Utrecht, (i) Jp dit jaar is gefticht het Vrouwen Kloofter van
Hie-
(i) Ziet Schotin. vin. Boek der Frietfctie Hiftoricn , en
i?e brieven , zoo door den BifTrhop, als door de Stadt Gro- hier van uitgelevert, by Matth.deR.eb.Ultraj. p.fi. |
|
|||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
1419. J A A R B O EKEN. 831
Hierufalem even buiten de Stadts muren, tuflchen
de Weerd enKatryne poorten.(i) 'Twelknadér' hant in't jaar 1431. is afgebrant, en wederom op* gebouwt, en in't jaar 1513. in de Stadtverplaatft. Niet tegenftaande die van Utrecht en Amers- foort mede begrepen waren in het vredes verdrag tuflchen Vrouw Jacoba en Hertog Jan van Beys- ren, en hun dus de vryen handel en fcheepvaart op Holland en Zeeland toegedaan was, zoo wier- den echter in dit jaar omtrent Paaflchen tweefche- pen , met goederen , de borgeren van Utrecht toebehorende , geladen , te Crimpen aangehou- den door het volk van de Heeren vanEgmont, én het goed daar uitgehaalt, en de Schepen in den groiw geboort. Desgelyks gefchiede aan die van Ameri- foort op de Zuiderzee. Waarom die van Utrecht en Amersfoort aan Hertog Jan van Beyeren , te dier tyd noch te Dordrecht zynde , hunne gezan- ten zonden , te kennen gevende het ongelyk , 't welk tegen de zoene hen aangedaan wierde , verzoekende vergoedinge van hunne geledene fchade, en voorzieninge voor het toekomende. Doch te vergeefs, vermits zulks niet alleen met toelatinge van Hertog Jan (die de Utrechtenaars hatede, om dat zy het met Vrouw Jacoba gehou- den hadden, en om dat ze de Hoekfchen, die hy overal uit de regeeringe zette , in hunne Stade ontfingen) gefchiede , maar zelfs de Heeren van Egmont en andere Cabeljauwsgezinden door hem
feftyft, en met wapenen voorzien wierden, om
e Hoekfchen overal te verdryven, en was'tmoge- lyk uit te roeyen. Ja zelfs maakte Hertog Jan met Reynoui Hertog van Gelre in het heimelyk
om-
(i) Ziet Mank Fuftdat. Ecctef. i. ij. ,
P 4
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
UTRECHT S C H E 1419.
omtrent Pinxteren, zonder dat die van Utrecht en
Amersfoort daar iets van wiften, een verbond, waar by zy befloten in het Nederfticht te vallen, ma- kende by dat verbond reeds eene verdeelinge van 't geene zy dachten hen niet te konnenmiffen, te we- ten , dat Amersfoort ingenomen zynde aen den Her- tog van Gelre, en indien de Burchgraafvan Mont- foort die van Utrecht byftond, de StzdtMontfoort vermeeftert zynde aan Hertog Jan van Beyeren «oude overgegeven worden. Met verder beding, indien de RiiïchoipFrederikvanBlankenbeim'k.'ws.m te fterven , van gelykelyk uit te werken, dat een Biflchop na hun genoegen verkoren wierd , dien zy verplichten zouden onder eede, nooyt met zyne onderzaten, luiden of landen hen, of de hun- nen , tegen te zullen zyn.
i Die van Utrecht en Amersfoort by Hertog.^»
van Beyeren geen herftel konnende erlangen , .zonden gezanten naar Hertog Jan van Brabant, en Vrouw Jacoba zyne Gemalinne. Doch, fchoon Vrouw Jacoba hen zeergunftigwas,en veelemoei- te aanwende, om hun billyk verzoek te onderfteu- uen, zoo waren echter alle pogingen vruchteloos, en zonder eenige goede uitwerkingen; dewyl Her- tog Jan van Brabant, naar zyne Vrouw niet horen- de, en haar buiten alle bewint van zaken houden- de , de regeering verwaarloosde, en dus hunne zaken zich niet aantrok. Ja zelfs wierden eenige Utrechtenaars, die zich om hunnen koophandel te dryven in Brabant onthielden, of, zoo andere fchry- ven , die zelfs van den Hertog ontboden waren, fchoon met vrygeleyde voorzien , aldaar ftraffe- Joos mishandelt, gewont, en zelfs om 't leven gebracht. En niet tegenftaande die van Utrecht «eer ernftig , ZQP by den Raadt van Brabant, als
by
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1419- JAARBOEKEN. 5133
by de Raden van den Hertog over ditgewelt, tegens
de gemeene trouw gepleegt, recht verzochten, konden zy echter geene voïdoeninge erlangen.
Hier dan geen gehoor konnende krygen, ga-
ven zy de Steden van Holland en Zeeland kennif- fe van't ongelyk, 't welk hen aangedaan wierd.
Doch in plaats van hulp en trooft t'ontfangen,
wierden hunne vrienden , in Holland komende, door de Cabeljauwfche, die te dezer tyd de fterk- ften waren , en de Hoekfche en hunne vrienden over al wredelyk vervolgden , deerlyk mishandelt, ja zelfs zommige gevangen gehouden. Het gevolg hier van zal ik op het volgende jaar verhalen.
De Raadt dezer Stadt wel voorziende, dat zy
in meerder onruft zoude komen , droeg zorg , zoo veel mogelyk was , dat het getal hunner borgeren en onderzaten niet verminderde, en liet by klokluidinge aan 't volk bekent maken haar ge- nome Raadsbefluit, waar by zy verftaan hadde, dat , zoo wanneer in dezen tydt eenig borger of onderzaet, in hunne Stadt of Stadts vryheit wo- nende , uit de Stadt ging , en Stadts laften niet hielp dragen, zodanige nooit meer in de Stadt of Stadts vryheit zoude mogen komen, en zyne vrouw of kinderen daar nooit zouden mogen woonen. met verder gebod, dat alle borgeren en onderza- ten , buiten de Stadt zynde , tuflchen 's woens- dags na elf duizent Maagden dag, en S. Maartens dag , binnen de Stadt zouden komen , en daar binnen blyven , om de Stadt te dienen volgens hunnen fchuldigen plicht; en in geval zy hier in ver- zuimig waren , dat zy , noch hunne vrouwen of kinderen, nooit wederom in de Stadt zouden mo- gen komen, of wonen; uitgenoomen die geene, die wegens breuken uit de Stadt waren, of die
P 5 lang
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
s34 U T R E C H T S C H E 1420.
lang buiten 's Lands geweeft zynde, zich in ver-
re landen onthielden,en dus op den gezetcentydt niet binnen de Stade konden komen. |
|
||||
|
|
||||||
|
|
1420.
In 't jaar 1420. was de Regeering aldus geftelt:
.
Schepenen.
-
Vrederic van Drakenborch. /
Jan Pot, Borgermeefter.
Goedfcalc van Wynfen. Bertelmeus Soudenbalch.
Beernt Proys de Jonge. Claes van Loenen. Dirc van Houdaen. Willam Woutman. Tyman Paelvoet. Jan van Lichtenberch de Jonge. Tacob van Amerongen. Eerft van der A. Jan Trinde.
Raden.
Willam van Nyenvelt.
Herman Grawert. Riqwyn Jans zoen. Ermbrecht over Ryn. Jacob Vrederix zoen. Ghifebrecht Claes zoen.
iacob Haeck.
onge Jan de Coninck. an Over de Vecht.
Herman Vos. , ,
Jan Vrancken zoen. .., .,. , ..
Peter
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
1420. JAARBOEKEN. 035
Peter van Snellenberch.
Willam Cloetinc. Matheus Scrodekyn. Ghifebrecht Louwe; Gheryt van Tyenhoeven. Peter Stevens zoen. Dirc Grawert. Henric Pouwels zoen. Herman de Vroede. Timan van Zulen. Jan Bolle. Jacob Sloyer. Peter Foyt.
Ouderrnannen.
Braem van Lanscroen. , «T-,r,,:ja,.
Ghifebrecht van den Ryn.> Wamfnide«- Jan KnyfF. » e_-jor
Egbrecht van Groenenberch, *
Jacob Scrodekyn. -> Backers Henric Hafert.
Gheryt PyL } Molenaers.
Gheryt Beernts zoen.
Herberen van Lynfcoten. -> Lvnnewevers
Dirc Ghifebrechts zoen. *, Lyn'
Egbert Jacobs zoen. } VIeyshouwers.
Steven Huberts zoen.
Brant Rogge.
Ghifebert Jacob Vrenckens zoen.J
Henric deWkJans zoen.-,- T
Godert Francken zoen. > ^ouwe"-
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
Ludewich de Wael. > «/r ,, ,,
LambwvanZuleu.>Marsluden'
Wil-
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
|||||||||||
|
|
|
||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
a36 U T R E C H T S C H E. 1420.
Willam van Weelden. TT. 0 ,,
Jan van Tyel Otten zoen/ B°«erlu<*en. |
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
Hubert Daniels zoen. ^
<-, u i , {
Gheryt van Hensbeeck.-»
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
Jacob van Hollant. } Gracuwerkers.
Hennc Jan Ehas zoens zoen. J
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
Heyne de Grucer. ->
TymanHenrixzoen. > Jan Meynercs zoen.T 7n , , Jacob van Nefle. > Z^delaars-
In dit jaar zyn de Steden Utrecht en Amersfoort
in bekommerlyke omftandigheden geweeft, heb- bende tot vyanden gehadt, niet alleen de Heeren van Egmont ende alle de Cabeljauwfchgezinden , maar voor al Hertog Jan van Beyeren, en Hertog Reynout van Gelre^ zoo dat ze, van boven en be- neden genoegzaam ingefloten , van allen handel op Brabant , Vlaenderen , Gelderland , Holland en Zeeland verfteken waren , en hunne luiden , die zich ïn die landen om hunnen koophandel te dryven , onthielden , lelyk mishandelt wierden. Dus ziende, dat alle hunne ernftige aanhoudingen
om.
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
||||
|
|
1420. J A A R B O E K Ë.N. 037
om de zoene, voorlede jaar gemaakt,te genieten,
als mede , dat hunne verzoeken by Vrouw Jacoba en haren gemaal Hertog Jan van Brabant om hul- pe en byftant, vruchteloos waren,hebben zy ech- ter den moed niet laten vallen ; maar op midde- len gedacht, om hun verderf en ondergang, 't welk by hunne vyanden befloten was ,. te voorkomen. Ten dien einde geven zy hunnen gevaarly- ken toeftand aan Biflchop Frederik van Blanken- beim en de drie Overyflelfche Steden te kennen, en in een gemeen Capittel, of, zoo wy thans zou- den fchryven , in eene Staatsvergaderinge van her. Sticht, daar de afgezanten der Overyflelfche Ste- den tegenwoordig waren , doen zy hun beklag, en vertoonen hoe onrechtvaardig zy behandelt wierden , verzoekende hunnen raad en byftand. In welke Staatsvergaderinge befloten wierd een gezantfchap te zenden naar Hertog^*»» van £eye- ren, die zich thans te Luxemburg onthield,en al- daar op het nadrukkelykfte te vertonen het onge- lyk en de gebreken, die tegens de zoene hen wier- den aangedaan, en te verzoeken vergoedinge der geledene fchade,en'tgenotvan'tgeene henby de zoene was toegeftaan. De Biflchop voegde hier by zyne gezanten , om te eiflchen wedergevinge van Hagejlein, 't welk Hertog Jan van Beyeren hem afgenomen hadde. Doch dit gezantfchap van geen beter uitflag zynde, dan de voorgaande, wierd de bekommeringe dagelyks groter. Waarom de Bif- fchop met de Steden Utrecht en Amersfoort, fVll- lem van Brederode, Jan Borcbsrave van Mom- foor t (r) , en Philips van Wajjenaar Burggraaf
van
. (i) De brieven door den Biflchop en de Stadt Utrecht ter
dezer gelegenbieit aan den Burggraaf en zyne broederen gene- ven, |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
$38 UTRËCHTSCHE 1440.
van Leyden, en de Stadt Leyden zich vereenigen,
en verbinden tegen den Heer Jan van Egmont en Cerrit van Heemskerke, eerfte Raden van Hertog Jan van Beyeren , en alle die het met hen zou* den houden. By dit verbondt hebben zich nader- hant veele Hoekfche Edelen, door de Cabeljauw- fche verdreven, gevoegt, welker namen, als me* de het verbont zelfs, te lang om hier te plaat- zen, nagelezen kan worden by Matthasus. (ij Dit gefchiede op den xv. April dezes jaars. En wierden aanftonts op dien zelven dag vier, of,zoo als andere fchryven, vyf hondert wel gewapende man- nen door den BhTchop en de Stadt Utrecht naar Ley- den ter verzekeringe van die Stadt gezonden, waar by zich de Heer van Brederode met zyn volk ge- voegt heeft, die te zamen verfcheide kafteelen der Cabeljauwfchgezinden in Rynland hebben vermee- ftert en vernielt. De verbondelingen hun volk by den anderen vergadert hebbende,trekken naar Gou- da, alwaar zich Hertog Jan van Beyeren onthielt. Doch deze de poorten gefloten houdende, en niet raadzaam achtende met hen te ftryden, dewyl hy noch weinig volk by zich hadde, zyn zy, na veele plonderingen en verwoeftingen omtrent die Stadt en Woerden aangerecht te'hebben, wederom mei veel roof beladen naar Utrecht gekeert.
Hertog Jan , veel volk, 't welk hy ontboden
hadde , by zich gekregen hebbende , trekt daar mede voor Leyden , en na eenige kafteelen , als
Poel-
Yen, zyn te leezen by Matth. de Jure Gladii cap.xi. p. 17). & Rcrum Amersf. Scriptor, pag. 243.
(i) Matth.Rer. Amersf.Script.p. Z44..& feqq. enby den Heer
Mieris in zyne Bifichoppelyke zegelen bladz. f8. alwaar by 't al* noch onuitgegeven, te voorfchyn brengt. |
|
||
|
|
||||
|
|
|||||||||
|
|
|
|
|||||||
|
|
|
|
|
||||||
|
1420. JAARBOEKEN.
Pbelgeeft en andere ingenomen te hebben, bele-
Ê;rt hy die Stadt. Voor Leyden leggende,laat hy den
ertog van Gelre aanmanen , om , volgens het gemaakte verbont, in de wapenen te komen, en den Biffchop en de Steden Utrecht en Amersfoort te beoorlogen , om dus te beletten, dat zy geen hulp ter ontzet van Leyden zouden konnen zen- den.- En fchoon die van Leyden zich kloekmoe- dig verweerden , en veel nadeel aan de belege- raars toebrachten, zoo wierden zy evenwel einde- lyk genootzaakt, door gebrek van levensmidde- len , en, om dat ze geen ontzet van den Biffchop kregen , hunne Stadt, na het uitftaan van eene belegering van negen weken,aan Hertog Janvan Beyeren,})y verdrag o ver te ge ven By welk verdrag de Utrechtenaars, die tot verdediginge van de Stadt daar gekomen waren, vergunt wierd vryuit te trekken. Welke Utrechtenaars op hunne te rug reyze naar huis, tuffchen Woerden en Utrecht, door den Heer van Egmofit trouwlozelyk wierden overvallen, en genoegzaam alle, tot wederwraak van 't geen ;zy de Stadt Yffelftein gedaan hadden, ter neder gemaakt.
Eer ik verhak 't geen de Hertog van Gelre ge-
daan heeft, moet ik hier tuffchen beiden invoe- gen , dat fommige buurfchappen en menfchen in 's vyands landen wonende ,voor eenen zekeren tydc veiligheit hadden verworven en gekocht, waar van de Raadt eene lyft liet hangen voor het Raadhuis,, op dat niemand hier van onkundig kondezvn;met verbodt van die buurfchappen of luiden te befcb.a- digen, of tegen het verdrag met hen te handelen» onder verbeurte van met den fweerde aan den ly- ve gefttaft te worden. Ook is ten zelven da^e,te weten des faturdags na Cantate, uit naam vp,n den |
|||||||||
|
|
|||||||||
|
|
..
|
|
Bi/Ichop
|
||||||
|
|
|
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
||||||
|
|
*4o UTRECHTSCHE
Biflchop en de Stade ter klokke afgekondigt, dac
al die geen borger of onderzaat was, .en vyan.d wilde worden van hunne vyanden , vry in d§ze Stadt mogte komen en hunne gevangene en geno- men buit brengen , en dat de Raadt hare gevan- keniflen zoude openen, om daar in te zetten, die door die vreemde zouden gevangen worden; doch onder deze voorwaarden, dat de gevangene, en verkrege haven van beeften, in de Stadt gebracht, door Schatmeefters van den Biflchop en de Stadt zouden gefchat worden , en dat zy twee deelen, ende Biflchop en de Stadt het derde deel zou- den hebben : te weten , als zy op zich zelfs uittochten gedaan hadden; doch wanneer de Bif- lchop en de Stadt met hunne vrienden te velde waren , dan zoude de Biflchop en de .Stadt hec derde deel genieten , en de twee andere deelen zouden verdeelt worden onder alle de gene, die mede te velde waren, en dan zouden alle gevan- gene zyn voor den Biflchop en de Stadt, behou- dens het zeelgeld voor die geene, die iemand vong, te weten van eiken gevangen man tien,van een^n Ridder vyftig, en van eenen Barmaets (i) twee hon- dert Hollandfche fchilden: met bedreiginge van zwaar te zullen ftraffen , die eenige gevangene of verkregene have verkochte of verduifterde.(a)
De
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
. (i) Wie nier. door verftsan moeten worden is my onbe.
kent , ik denke fchier, dat daar door Bannierdragers zullen
terneene worden. In eene oude Overdragt van 't jaar 1587.
j Matthi lib. u. de Nobilit. cap. 14.. te vinden, word het Zeelgeld voor eenen Ridder op 100. voor eenen man van wa. penen op 70. en voor eenen huisman of anderen gemeenen man op 10. oude fchilden geftelt.
(i) Noch in dit zelve jaar te weten dondtrdags na Remigif,
ie iemand, eenen gevangenen verzwegen en verborgen heb- bende } |
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
I4ao. JAARBOEKEN.
De Hertog van Gelre, op aanmaninge
van Beyeren , openbaarde zich als vyant der Ste- den Utrecht en Amersfoort, en, om zich te ont-> zachelyker te maken , en te verzekeren van den buit, dien hy met Hertog Jan vanfieyeren,eerze verkregen was -, al hadde verdeelt, maakte eer» verbond met Otto BifTchop van Trier , Dirk va» Meurs, BifTchop van Geulen, en deszelfs broedep Fre4erik van Meurs, den Biflchop van Munfter , den Hertog van Bergen, en meer andere Heeren, als den Jonkheer van Gaasbeek (i), en Hubert Heer van Kuylenborg,om met hunnekrygsmacht, gevoegf by de zyne , Amersfoort t'pverineefteren ? en aan Gelderland te hechten.
Na de aankondïginge des oorlogs zyn eenig§
Gelderfche voor Amersfoort gekomen, en hebben de beelten, buiten de Stadt in de weyden lopende, weggehaajt , en wel konnende giffen , dat dg Amersfoordenaars dit zouden trachten te beletten, «enig volk in eene hinderlage geleit. Pie van dg Stadt, niet kennende dulden , dat hun vee W?g» genomen wierd, trekken uit de Stadt, vallen man- moedig op de Gelderfchen, die zich veinzende te vluchten, van de Amersfoordenaars zoo verre ver* volgt wierden , dat het volk in de hinderlage leg-? gende voor den dag kAvam, en meer dap honde,rt
hun.*
bende, met den fweerde onthalft, en eene belcningevanvyfr
(ig Hollandfcha fchilden geftelt voor den ganbrenger van ie- der gevangen dif verftoksn vfts.
(1} Gaajbeek] Schoon hy door dsn Biffchop in ?t bezh v*ij
W] c k en Atcoucle geftel t was. en aan denzelven den ecdt van g$* trouwigheit, als *ynen Leenman, gedaap hadde, zoo als wy bier boven op't jaar 1408. en 1411. hebben verhaalt, ützc van Gaasbeek heeft de Dorpen Amtrongtn, Doorn en uitgeplondert en verbrand. Ziet Petit Chton. de fa, Jtv. ui. pa^;, J^f, - , |
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
*4* UTRECHTS C HE
hunner börgeren en onderzaten vongen ofdootfloe-
gen De Hertog van Gelre, van deze overwinninge kennifle gekregen hebbende,oncbied de hulpben- den van de zoo evengemelde Vorften en Heeren, en befluit met den Biflchop van Munfter aanrtonts Amersfoort te belegeren. Doch d'Utrechtfche Biflchop dit geboodfchapt zynde, zend aanftonts vyf hondert wel gewapende mannen met eenige fteenbuflen binnen Amersfoort,ter verdediginge van de Stadt, en ter moedgevinge van de welmeencn- de borgeren.
De Hertog van Gelre kwam op S. Margrieten
dag met zyne helperen voor Amersfoort ,en leger- de zich op der Eem; doch, vernemende, dat die van binnen van oorlogs gereetfchap wel voorzien, en op hunne hoede waren, en dus geen kans ziende om hen door zyne medegebrachte krygsmacht tot de overgave te dwingen, tracht hy door lift de Stadt t'o- vermeefteren. Weshalven hy zynen intrek genomen hebbende in het kloofter van S. Andries,buiten A- mersfoort gelegen, den Prior naar de Stade zend, eenen ftiluant van wapenen tot den volgenden dag aanbiedende, welke aangenomen zynde,zond hy den volgenden dag eenige ballingen en gevangene naar de Stadt, die onder't gemeen d'edelmoedigheit van den Hertog van Gelre zeer verheften, en hen verzekerden, indien zy zich wilden fcheiden van die van Utrecht , dat de Hertog bereid en gene- gen was zich met hen te verzoenen : en hen niet alleen den vryen handel in Gelderland toeteftaan , maar ook te bezorgen, dat zy in Holland en Zee- land wederom vry zouden verkeeren, en hunne vryheden en gerechrigheden als voorheen genie- ten , en de gevangene zonder losgelt vry te la- ten. Hier door kwam eenige verdeeltheit in de
Stade,
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN.
Stadt, doordien verfcheide naar deze aanbiedingen
luifterden. Doch de getrouwe borgers lieten die heimelyk aanftonts den Biflchop bekent maken , die zich hierop zonder vertoeven met vyf hondert gewapende mannen en eenige der Overften van de Stadt Utrecht, naar Amersfoort begaf, en's nachts ten elf uren in de Stadt komende, nochdien zelven nacht belafte de gevangene , van den Hertog van Gelre uitgezonden, uit de Stadt te zetten. En had- de de Biflchop zoo veel fpoed niet gemaakt, en die nacht niet binnen de Stadt gekomen, zoo was naar alle waarfchynelykheik4wi?tti/&or/ verloren geweeft; want daags daar aan in den vroegen morgenftond, naderden de Gelderfchen tot dicht aan de Stadt, vaitflellende,dat hunne uitgezondeneoneenigheit en verdeeltheit onder de borgeren zouden hebben verwekt, en 't hen nu zoude gelukken de Stadt te overweldigen. Doch vernemende , dat de Bif- fchop met vars volk in de Stadt gekomen, en hun- ne liftige aanflag mislukt was , braken zyn hun leger op en trokken naar Gelderland te rug. De Biflchop xn. of xiv. van de voornaamfte, welke de borgeryetotde overgave der Stadt hadden trachten t'overreeden, met zich naar Utrecht gevangen (i) genomen, hebbende , liet hondert krygsknechtcn in de Stadt, en hulpbenden van de Qveryflelfche Steden ontfangen hebbende, voorzag de Stade van 'tgeene zy nodig hadde. Waar op hy met het overi- ge van 't volk wederom naar Utrecht gaat, nademaal hy voorgekomen hadt, om ten eerden ter ontzettin- ge der SwdtLeyden uit te trekken. Doch op weg zyn- de krygt hy de tydinge, dat Leydenzich al overgege- ven hadde. Na
(i) Gevaage»] Voffius Annal. lib. xvn. verhaalt, d»t hy
die hebbende laten vatten, met de dood heeft doen ftuffen. |
|
||
|
|
||||
|
|
|||
|
|
»44 U T R E C H T S C H E 1420.
Na de bemachtiginge vanLeyden, trok Jan van
Seyeren met zyne krygsmacht naar Geertruyden- berg , en dus wierd het Sticht van de zyde van Holland bevryt van eenen vyandlyken inval. Ech- ter wierd den oorlog tegen de Cabeljauwfchge- zinden met yver voortgezet, en van weerskanten niet zonder groote wreetheit vervolgt, en veelc verwoeftingen ten platten lande aangerecht. On- der de krygsbenden, die ten oorlog trokken, be- vonden zich buiten de borgeren en onderzaten der Stadt Utrecht, andere vreemde luiden , die, op hoop van roof, zonder foldye dienden. Deze wierden gemeenelyk lichte gezellen genoemt; doch dewyl die dikwils zonder ordre roofden en bran- den , zoo heeft de Raadt nodig geacht hier in te voorzien , en ten dien einde dingsdags na alre A- poftelen dag dit befluit genomen: Men j al maken een cleyn root wympel mit ent n langen ft ar t,dat hebben fel een wit cruys, ende fel alre vorfte rey/èn, ende daer feilen alle lichte Inde onder comen, alle blote lude ende lichte gefellen , ende die feilen doen ende laten, dat hem die Wympeldrager beten [al. daer- em gebieden onfen Heer , ende dis Raet enen ygeli- ken van dien gefellen, dat fy doen, dat hem die ge ne, die by den panyoen we/en jollen , hem heten doen , ende dat nyemant en genen roef, ofgeroeft goet ar gent anders en over drive of en verfteke, of ivecb en brenge , dan onder dat vtiympèl voirfcreve. ende yemant die dit verbrake ende enicb goet ver- ftake of wecbbrocbt buten den wympel voirfcreve , dat woude on je Heer ende die Stat [onder ver t r eek rechten ah diefte mitt er galgen [on der ver dr ach, ook is ten zelven dage by klokluidinge ftrengelyk ver- boden eenige kloofters of gewyde gaftbuizen te bran- den ofte reven, onderftraf& van dt galge. Enzyh
'er
|
||
|
|
|||
|
|
||||
|
|
i4ao. JAARBOEKEN. 245
'er in het volgende jaar faturdags na S. Jans dag
drie onthooft, die tegen dit verbod hadden ge- daan.
Vervolgens hebben de Biflchop en de Stadt des
vrydags na decollationis Johannis twee Veltover- ftens aangeftelt, te weten Florens van Kusboek, en Hendrik Ledebuer , met volkomen macht om het volk te regeeren en te leiden in alle reyzen, en in alle zaken den oorlog betreffende, met gebod aan het volk zich hunne beveelen te onderwerpen en na te komen. Hierop hebben d'Utrechtenaars eerft eene reys naar Naarden gedaan, van waarzyveele beeften gehaalt en in de Stadt gebragt hebben, en naderhant omtrent Remigius dag zyn zy getogen voor Amfterdam (i), en zonden die lichte gezel- len dicht onder de Stadt, om de beeften uit de weyden weg te halen. De Amfterdammers kwa- men , om dit te beletten, met veel volk buiten de ' Stadt, om deze gezellen te verdryven , en niet wetende,dat het heyr der Utrechtenaars,die zich verholen en ftil hielden , zoo dicht by hen was, begaven zy zich wat te verre van de Stadt. Waarop die van Utrecht voor den dag kwamen, en hen zoo op het lyf vielen, dat 'er van de Amfterdammers meer dan twee honden en vyftig, zoo gevangen,
als
(i) Pontanus in Hiftor. Atnftel. p. xx. dit geval verhalen-
de, fchryft, dat behalven den Biflchop en d'Overyffelfche Steden de Cabeljauwfchgezinden in Holland het met. de Utrechtfche hielden, en Kommelin in zyneBefchryvingevan Amfterdam VI. Boek bladz. 004. fchryft dit getrouwelykna; niet tegenftaande het tegendeel waar is. Zoo volgt d'een één ander,zonder onderzoek te doen naarde waarheit. Box- Lorn in zyn Tooneel van Holland p. 238. getuigt, dat de Utrechtenaars aan die van Amfterdam lagen gelcit hebben , doch dat die ontdekt zynde, zy gedwongen geweeft iyn t« Wjh«n. . . rt
Q 3
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
U'ï R E C H T S C HE 14210.
als gedood wierden. En hadden de Utrechtenaars
de Amfterdammers wat verder laten komen , en niet te fchielyk aangevallen, zy zouden ze meeft *lle gevangen gekregen of doodgeflagen , en dus zonder moeite de Stadt ingetrokken en ver- meeftert hebben, zynde de verflagenheit over dit verlies zoo groot in de Stadt, dat de meefte inge- aetene hunne goederen pakten , om dezelve el- ders in veiligheit te brengen. Doch zy met hunne overwinninge te vrede zynde, trokken met de ge- vangene naar huis.
Op dat nu de uittochten, die dit jaar menigvul-
dig zyn gewéeft , en de wederkomften, zoo wel des nachts als des daags, zonder verwarringezou- den gefchieden, en door de duifterheit des nachts ftiet verhindert worden , bevool de Raadt, don- derdags na Remigii, dat ieder voor zyne deur des nachts eene lanteerne zoude hangen metbrandend Jicht, by eene keur van een pond. * Eenig volk van den BiflTchbp en de Stadt Utrecht dopr die van Leyden gevangen , en niet tegen- ftaande het ernftig verzoek om dezelve te mogen loflen,het hoofd afgeflagen zynde, heeft men alhier het recht van wedervergeldinge gebruikt. Nadruk- kelyk zyn my voorgekomen de woorden, die ik ge- boekt vinde in het Buurfpraakboek van ditjaardes Vrydags na Elifabeth, waarom ik geoordeelt heb dezelve geheel te moeten opgeeven, te meer, om dat ze getuigen de verwoetheit, waar mede deze oorlog is gevoert gewéeft. Alfa alft openbaer ende kenlikcn is ^éat onfegenedige Heer van Utrecht (nde die Stat van Utrecht, mit groten gewelde en- de onrechte, die hem overdadeliken aangedaan, en- ée in enen oirloge gedreven Jyn, daer J'y nu thans ymte ftaw. ff de eirloge onje Heer van Utreebt,
ende
|
|
||
|
|
||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
JAARBOEKEN. t47
i
tnde die Stat van Utrecht eerliken ende ridder liften
gevoert hebben. Des ijl ge/cbiet, dat bulpere ende. vrende ons Heren van Utrecht ende der Stat van Utrecht neder gelegen fyn by Leydeit. Ende doe on- fe Heer ende die Stat van Utrecht dat vernamen , deden fy buer brieven fcbriven aen die Stat van Leg- den , ende tot Alfen leggende , dat men mit horen bulperen ende dieren eerliken ommegaen vooude ; wantet in eenre Heren veete waer , ende verbueden woude , datten onfen voirfcreve niet en mijjcbieds aen horen live ende gejonde ; mer dat menjyjcati t ede, ende mede cmme gbinge, ah men mit gbevan* genpleecbt, die in eeren gevangen fyn. ende doe ons. heer ende der Stat brieven van Utrecht des mor- gens daer quaemen, doe deden fyü>ytkydendrieiirsn na middage des felven dages vier ofvive ons beren ende der Stat vrende, bulpere ende dienre, ende deden hem dat hoeft offlaen. Hier om [elmen reeb- tevoert uytleyden , ende weder dat hoeft offlaen Jan die Duven joen van Abcoude, Aelbert van Tfelfleyn , dubbelde Dircx brueder , -Heynkyn , 'die bode was van Am fier dam , Aernt Heynen oen , Schout tot Nyettvetfi, ende $acob Matbys /oen. Ende maft , dat aen ons heren ende aen onfer Stat vrenden,bul- peren ende dienre , enige onredelicbeit vorder ge- keert ixtorde, fo ivoude hem onje Heer van Utrecbf. ende die Stat van Utrecht vorder ende fcberpeliker daer na r'echten, ah dat gebueren Joude.
Dus eindigde dit jaar gelukkig, welkers begin
den ondergang van het Nederfticht, en voor al der Steden Utrecht en Amersfoort dreigde , en wierden de liftige aanflagen van hunne groote ea machtige vyanden, zoo om door verbod van ver- keeringe en handel in Gelderland , Holland en Zeeland , hen door gebrek en hongersnood t'on- Q 4 der |
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||||
|
|
Ü t ft Ê C H T $ C H E <4
dei- té brengen"; als nïede om door het verWekk
Van vefdeeltheden hen lichtelyk t'ovefmeeftere Verydelt. In tegendeel, verniits d'Utrechtena doof bunile todhteh in Holland, veele Dorpen Amftelland, genoegzaam ganfch Goyland, uitg homen de Stadt Naerden , Cudelfladrt en Ae tneer by Haerkm, een gedeelte der Veendorper tuflcheh Woérdeil en Leyden, als mede de ing ïetenen beneden Schoonhoven, tot Oudewater . Krimpen in den Albldfferweert tdê , onder brat fchattinge gebragt,en veel losgeld ontfangenhr tfett van de gevangene vöorAmfterdam, en an. ten , die zy in Holland gekregen hadden , i hadden zy iil dit jaar vattallesöVervloetinde Sta |a wierden zelfs door dezen oorlog fyker. I Voordeel hadden zy toe te fbhryven aah de eeni, held onder hen, en het goet verftant met hünn BifTchop" , die èeri wys en kloekmoedig man wa dis Heda wel aanmerkt, en zoo ooit, zoo is dezer tydt de fpreuk van Salluftius: Concordia t parvae crefeunt: bewaarheit, zoo als Buchel c Heda aantekent.
Eer ik tot het volgende jaar övtrgaa, moet i
gewag maken van eene gerichts oeffeninge, aan Ja. van Lom des donderdags op S. Marcus daggepleegt Welke om dat hytweewyvenhaddege{roUwt,voo eeuwig op zyn lyf uitde Stadt gebannen is. Noc' drie voorvallen hebbe ik hier van gevonden de vrydags na S. Odulfus dag 1385?. 's Woensdags n elf duizent maagden en op S. Wilboerts dag 139*» en van eene vrouw, die twee mannen getrom hadde,en op dezelve wyze geftraft isjop ten dt tienden dag 1386. |
|
||||
|
|
||||||
|
|
'
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||||||||
|
|
JAARBOEKEN.
-< v-
, >»
1431.
':
In 't jaar 1411. heeft de Regeering beftaan uit
deze navolgende perfonen.
Schepenen.
Willam van Wyhfén * Borgermeefler,
Jan van Lichtenberch.
Pelgrim de Wael.
Willem van Alenderp.
Jan Hombout.
Jacob die Voecht.
Vranck die Wit.
Godevaert die Koeninc.
Henric Vrehck.
Willem van Ghent.
Eerft van Herdenbroec.
|
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
Folpert Foyt.
|
|
||||||||
|
|
.-- .- :
|
|||||||||
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||
|
|
.
Raden. r
|
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
Beernt Proys, Borgermeefter.
Folpert van Amerongen. doot.
Henric Stamer.
Willem Henrix zoen.
Huge Goyer.
Henric Jacobs zoen.
Henric Sloyer.
Peter van Kreyenbroec.
Steven Steyens «oen. ,
Henric van Scalcwyc. , v
Willem die Wit.
Egbtrt Zuermont. doot.
Q 5
|
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
UTRECHTS C HE 1441.
Jan Nypyfer.
Mattheus Pot. Henric Jans zoen. uyt. Gfaeryt Bolle. Willem Verwer. Henric van Loenrefloet. Aernt Willems zoen. Herman Weflels zoen. Peter Grawert. Roelof Tirnans zoen. Jan de Wit Henrix zoen. Egbert Paelvoet.
-
Oudermannen. |
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
Lambrecht Peters zoen.-? » _,,.,.
T T i' i r AaCKcrd*
Henric Spiker.
|
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
Claes Steffaens zoen.-, T
Jan Weflels zoen. > Louwers..
Lyeboert Ryera. -, Wollcwer<,
-^ Wol)ewevers, |
|
|||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||
|
|
Gheryt Aalberts zoen.- ,
|
||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
Henric de Wit , Overfte Ouderman.-» n/r «.**:. 7
>
|
|
|||||||||||||
|
Herman de Weldige.
|
|||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
Splin-
|
||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
||||||||||
|
|
H». JAARBOEKEN. 351
S^w
|
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
|
acob Vee. Cordewamer,
Gheryt Schillinc. 7 r» j j
Henric Buedync. > Oudecordewamers.
Bol Jerifwynany zoen.* Corencopers.
|
|
|
||||||
|
|
|
|||||||||
|
|
||||||||||
|
|
} Oudewantfniders.
Willam van Boelre. > o ,. i
Peter Hubert Daniels zoen/* eent)lc ers«
x.
|
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
Geryt van Benfcop. » cmeJen
Timan Henric Pauwels zoens zoen. f v
Claes Florens zoen. -, 7n , , Johan die Keyfer.
In 't begin van dit jaar , te weten Vrydags na
den dertiende dag , is eene dagvaart te Vianen ge- houden tuflchen Jan van Beyeren en den Hertog van Gelre op d'eene zyde , en den Biflchop , en de Steden Utrecht , Amersfoort en die van Over- yflel op de andere zyde , doch vruchteloos.
De Biflchop en "de Utrechtenaars hun in 't vo-
rige jaar ontzachelyk voor de Hollanders gemaakt, en dus van dien kant hunne veiligheit genoegzaam bezorgt hebbende , hebben dit jaar een groot ge- deelte van hunne macht tot hulpe van die vzndmers' fgort , en ter beoorloginge van den Hertog «an
Gelre
|
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
|||||
|
|
»5* U T R E C ti T S C H E 1421.-
Gelre gebruikt. Zynde in dit jaar beneden Utrecht
anders niet voorgevallen , dan dat die van Oude- water in't begin van't jaar omtrent Paulus bekee- ringe uitgetrokken zynde om in 't Stiqht te roven en te branden, door Lodmyk van Montfoort, en de zynen , daar in zyn verhindert, en verflagen, zoo dat 'er meer dan zeventig zoo gedoodt, als verflagen zyn.(i)
Decb eer ik verhale, 't geen tegen den Hertog
van Gelre gefchiet is, zal ik voor af laten gaan de bewyzen van de goede voorzorge, die de Raadt dezer Stadt genomen heeft,om uit te werken,dat die gene, welke gefchikt waren tegen de vyanden te velde te gaart, ert voor al die , welke te peerde zouden opzitten , dezen dienft zich niet onttrek- ken zouden,en in eene behoorlyke krygstuchtge- houden worden , en gehoorzaam zyn aan 't geen de Bevelhebberen hen zouden gebieden. Na dat zy des dingsdags na Invocavit gelaft hadden, dat de Schutten in den velde zouden bly ven onder hunnen wympel, voor of achter het heier naar gewoonte, en dat de alirige tvake, dat is te zeggen, de borgers, die in de Stad gewoon waren te waken , zouden trekken met hunne batalien by der Stadt bannier, en elk gilde en gildebroeder by hunne Oudermans, en die geene Schutten of Gildebroeders waren, dat die reyzen zouden voor of achter, zoo als de Over-
ften
.(i) In het melden tan dit geval hebbe hebbe ik nagevolgt
Jen Schryver van het Chroniconauctius Joannis de Beka , door Mattheus uitgegeven t. v. Anal. p. 4.49. Heda verhaalt het anders, en brengt het op 't laatfte van het jaar , fchry vende, dat de Gelderfchen , na dat de Utrechtenaars Wageningen gewonnen hadden, eenen inval in het Sticht hadden gedaan, doch daar in verhindert en geflagen waren door Lodeviyk van AïoMtfoort. Doch het eerftc komt my waarfchynelyker voer. ;. ! i |
|
|||
|
|
|||||
|
|
'
|
||||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
*4$t i. J A A R B O E K E N.
ften hen gebieden zullen , en dat niemant anders
dan onder zyn wimpel dienen zoude, en voor al niet bernen of roven zonder verlof der Bevèlhéb- beren , ook gcene kerken of kerkhoven beroven, alles onder bedreiginge van zware ftraffen : wor- dende de Homans en Ritmeefters volmacht gege- ven om in den velde te ftraffen, alle die hier te- gen deden; zoo vinde ik noch twee beflui- ten door den Raadt in dit jaar genomen , wel- ker eerfte des manendags na beloken Pinxteren by klokluidinge is bekent gemaakt op deze wyze: Scepen, Rade ende Oudermannen fyn overdragben, dat van defer tyt voert alle die gene, die op peerden gefet fyn, ende alfo van live /yn, dat fy felver ry- den mogen , felver ryden feilen /ónder verdracb ; ten "vaaer dat fy hem redeliken verantwoirden mo- gen , by enen koer van tien ponden, alfo dicke als byt verfwmde, ende felver niet en rede. ende desge- lyx feilen de gene, die al/b fterck. niet enfyn, of des an horen live niet en vermuegben, hoer knapen, of- te Stalhouders, tot alre tyt uytfeinden, als men ryden fal, fonder ver dr ach, ten <wair, dat hem dis meyfters redelic verantworden moegen voer onfen Rade voirfcreve, oick by enen koer van tien ponden, alfo dicke als hyt verjwmde. Ende die knapen fel' len oick Juk yie/èft, dat fy den Ritmeyfters endeden Homans genuegen feilen mede te reyfén. Ende de- fe koren lellen -vatpanden die Busmeyfters van den Rade op Nedereynde, ende die Busmeyfters (i~)vaa den Oudermans op '/ Overeynde , eiken Homan ïn
fynrs
, . ... -. ,
(i) Hier uif, als mede uit het volgende Raadsbefluit,kan
men opmaken een gedeelte van den plicht der Stumeifttren, waar yan de geleerde Heer van deWattr in Ket Utrechts Plac- eaatb. 111. Deel. bUdr. 157. ve«l heeft «angetokent, |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
*54 UT RECHTS C HE 1421.
fynre Homanfcap. ende defe koren feilen hebben een
derde deel die Rade van. der Stat, een derde deel die Busmeyflers, die de lude panden feilen, ende die Homans dat derdendeel, elc in fynre Homanfcap, ende dien koer niemant te laten by boren eede.
De Roet gebiet allen onfen goede luden , dat fa
vaanneer onfe Stat in den velde reyft mit hopen groot ofte cleyn , dat dan nyemant anders of voer ofnae, en rey/è in eniger wys, dan als die Qrdinancie ge- tnaeéï fel voerden , ende men den goeden luden dan feggen feil. Ende enich man die dat verbraket en die voer ofnae, dan onder Stat ofScutter wympel, daer hy onder boerde, toge, thuys quame , ofuyto- ge, wtgenomen die voer ofte after te wefen gefet /ellen luierden , die verboerde elc tien ponden, ende defe felmen in den velde , ende voer alle poerten fcriven.
De tweede genomen op S. Lambercs dag , is
van dezen inhout:
In den yerften tot air e tyt, als men reyfen feil,
fo feilen die Ritmeyfleren die Homans van den peer - den Ueden , ende die Homans feilen elc voert doen bieden alle hoer ryden , die onder hem fyn, na in- bout hare rollen ,alfoe hem die r olie over gelever t is by dsn Overften, tot elker ure ende {leden, als men hem fel laeten weten, ende dan rede te -wejen, ende daer nyemant ynne te vcrjcbonen by onfe kuer van tien ponden van eiken man, die de Homans verfuimdén te bieden.
Ende men feil den Ritmeyfteren alle der Homans
rolle in fcrifte overgeven , dat fy weten mogen hot veel ryden elc Homan onder hem beeft, ende wt- brengen feil.
Ende defe kor en feilen die Ritmeyflers eiken Ho-
man latpandcn fonder verdracb, vatgtnmen van
den
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN.. 255
den genen, die kenlike noetfake hebben, dat fy niet
ryden en moegen, mer die noetfaden feilen die rydc* re bewifen den Homans voor dat menryt, ende niet nader reyfen , of hem en fel geen onfcbout ofte fake baten, aie hy naefeggen mach.
Item feilen felver ryden tot alre tyt alle die gene*
die peer de houden, ende alfoe van lyve fyn; dat fy fehe ryden moegen , f onder ver dr ach, by ene koer van tien ponden. Ende die felver niet ryden en moegen, /ellen elc ensn goeden man mit horen peer- den ivtjèynden tot alre tyt, als men hem die -vaete doet. Ende defe man, die elc man 'wtfeyndenfell^ ende fyn peer t, feilen alfulc -wefétt, dat den Rit- meyfteren ende den Homans genuegen feilen mede t& ryden, by enen koer van tien ponden, alfoe dicke alt by hem verjuimde te ryden, off dat fyn knaep ende peer t alfo goet niet en waren, dat fy den Ritmeyfte- rtn ende Homans genuecbden mede te ryden, als voerfcrevén is.
Item als men in den velde is, fel elc man onder,
ende bi, fïnen Homan ryden ende voefen. dat is te weten, als die Homan voert roept, dat dan een yge» lic hem [elven verantiaorden feil. ende en de de bydes met, fo -soaer by koerbaer, ofhy daer niet envaaer. Ende die Homan mach voert roepen wanneer, en waer, hy vuil in den velde.
Item fo feilen alle die Homans van den ryderen
elx overgeven den Busmeyfteren van 'den Rade ende van den Ouder mans , des anderen daegs na elker reyfen, als fy wtgevyeejl hebben', alle die gene, die end-r hem ryden, ende van dien ryfen toerbaerfyn^ ende daer nyem&nt ynne verfcbonen ende des feilen die Homans geloeft taefen, fonder yemants onfcbout daer of te boren na diere reyfen. ende fee feilen die Busmeyfters Tioirfcrevt des undtrw dages.daer va*
Of
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
a$<5 U T RE C H T S C H E 1421.
W fcinender fonne , panden alle diegene, die dan
koerbaer fyn van diere reyfen , eiken man op een toer van tien ponden, ende die panden feilen (y al/ae goet, of beter, nemen, dan die koer van tien pon- den , ende daer nyemant ynne verfcboenen , noch daer en fel oick nyemant onfchout tegen doenmoegen.
Ende en panden die Busmeyfters niet diebruekige
binnen den anderen dacb na diere reyfen, fo feilen die Homans dat anbrengen Aernt Willems zoen en* de Jan van Lichtenberg den jongen, die daer voert van den Kade toe gefetjyn; ende fo feilen Aernt en- de Jan voirfcreve , des yerften dage daer na, alle die Busmeyfteren of panden alle verbuerde koeren van diere reyfen, diefy niet gepant en hebben, als voirfcreven is t ende alfoe voel ende alfoe goede pan- den den Busmeyfteren afhalen, die alfoe goetjyn, of teter, dan die verfuimde koeren voir/creve.
Om te bezorgen de vrye vaart van de Eem,
waar door uit Overyflel, en voor al uit Campen, de Stadt Amersfoort van alles 't geene zy nodig hadde, konda voorzien worden , hebben die van Utrecht doen maken het Blokhuis ter Eem, bui- ten op den Zeekant, waar door de fchepen van Campen veilig in en uit de Eem konden komen. Waar tegen die van Amfterdam uitrufteden twee grote fchepen, wel voorzien met gewapende man- »en en oorlogstuig , ter bekomnxeringe van deze vaart.
Ondertpflchen kwamen nu en dan de Gelder-
fchen tot voor de poorten van Amersfoort, en VOOF al die" van Barnevelt en Nyekerken, ja zelfs tot in het Overquartier van het Nederfticht, alwaar ook de Jonkheer van Gaasbeek, en de Heer van Cuy lenborch veele ftroperyen aanrechteden. Waar» die van Utrecht met die van Amersfport be-
(luiten
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
I42U JAARBOEKEN.
fluiten eenen inval in deVeluwe te doen»waarop
zy in verfcheide uittochten vernielt, berooft en verbrant hebben Barneyelt, Nyekerken, de Dorpen terScbuyr, Putten, Voorthuïfen, Ede, Er men en het flot Er Ier. En in de natydt, het koorn van '5 veld zynde , is de Biflchop met veele Ridderen, en de Utrechtenaars en die van Amersfoort geko- men tot Rekent, en heeft eenjg volk te paard ge- zonden tot voor Aernhem, en dje van Aernhem zich binnen houdende, hebben zy Rofendaal, des Hertogs lufthof,verbrand,als rqede /^.Vervolgens veele verwoeftingen ten platten lande verricht heb- bende , zyn zy wederom te Rekent by den Biffchop gekomen , die het dorp Rskem hebbende doen verbranden , met zyn volk naar Utrecht te rug is gekeert. De Gelderfchen , in weerwraak vam 't geen hen wedervaren was , zyn met eenig volk in het Overquartier van het Nederfticht gevallen, en hebben verfcheide dorpen en plaatzen als A- merongen. Doorn en Houten uitgeplondert en ver- brand, en veel vee en haave mede genomen.
Door deze gedurige uittochten, die gericht wa-
ren om te roven , pionderen en branden, of om plaatzen onder brandfchattingen te zetten , wierd het platte land wederzyts zeer verarmten uitgeput, en daar door gebrek aan koorn veroorzaakt. In deze Stadt ontftond eene duerte in brood en bier, zoo dat men voor een goede mudde weyts vyf, eq voor een mudde haver twee guldens moeft betalen, 't Welk in die tyden eene ongewoone duerte was, Welke duerte van koorn veel veroorzaakt wier4 door baatzoekende menfchen, die het; koorn op- kochten om het in prys te doen fteygeren. Hier !n heeft de Raadt tragten te voorzien, en van tydttot tydt gelaft,eerli dat niemand as^raudderiweyüspn
R ioo.mu4-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
258 UTRECHTSCHE 14*1.
i oo. mudden havers hebbende, niet meer moch-
te kopen , en in 't vervolg , dat niemant koorn mochte voorkopen van die het ter markt wilde brengen, maar dat men op de markt alleen mochte kopen : ook dat niemand weyt, haver, rogge of
f erft uit de Stadt mochte voeren : dat Bakkers en
rouwers geen meer koorn mochten opdoen, dan zy voor een maandt tot hunne neringe nodig had- den. En heeft de Raadt veel koorn gekocht,^'c welk zy aan die des behoeftig waren, leverde. En op dat het gemeen bier zoude krygen voor eenen re- delyken prys, zoo wel 't geen hier gebrouwen wierd als t'Amersfoort,'t welk in die tyden zeer beroemt was, en hier veel genuttigt wierd,heeft de Raadt den prys van 't gemelde bier bepaalt,en de Tappers gelaft voor den geftelden prys, en niet duerder, het bier te geven,onder verbeurte van een vierendeel jaars nee- ringe. Hier by kwam eene grote fterfte onder't volk, zoo dat'er in de Stadt wel vyftienhondertborgers overleden, behalven de vrouwen en kinderen. Wel- ke fterfte, naar alle waarfchynelykheit moet toege- fchreven worden aan de ongemakken, die zy by alle die uittochten hebben moeten ondergaan,of lie- ver, volgens de oordeelkundige aanmerkinge van den geleerden Heer Buchel, aan de natuurlyke ge- volgen van den oorlog,waar door,de landen ver- woeft, en de landluiden verjaagt zynde , fchaars- heit van levensmiddelen en vervolgens hongersnoot veroorzaakt word, om welke te ftillen door het ge- bruiken van rauwe en ongezonde fpys peftziekte of butengewone fterfte verwekt word. (i) Niet tegen- ftaande , dat hier door groote bekommeringe in de Stadt veroorzaakt wierd, zoo hebben echter
onze
(i) Sttrfte] By gelegenhcit Tan deze fterfte vinde ik een
opmer-
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||||
|
|
JAARBOEKEN, 059 -
onze brave borgers en onderzaten den moedt niet
laten vallen; maar zyn op S. Maartensavominden winter , op welken tydt alle de inwooners anders gewoon waren ter eere van hunnen Patroon zich vrolyk en luftig te maken , omtrent duizentfterk naar Ebenen getrokken, en voorts naar fi^agenin^en , en hebben die Stadt verovert. En vermits veele men- fchen van het platte land hunne goederen en vee in dié Stadt geborgen hadden, zoo was de buit dien zy daar verkregen hebben,zeer groot. Ook verloften zy verfcheide Stichtenaars , die aldaar gevangen wa- ren , en vongen daar den Ridder Henrik van Ho- moet met noch omtrent hondert mannen (i)j zyn- de de overige ontvlucht. Waar op zy de goederen, haven , vee , en 't geen hen aanftont , opgepakt
heb*
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
opmerkelyk Raadttbefl uit genomen op dertienden avont
In de Jterfte *.yn vele zieke luyden over het derde buys harer tatninge gegaan , en bette» daar hort vrieade hort goede ge- geven of gemaeckt , die de voerwaerde of punten niet hebben laten fchryven in der Sehepenboek , dacrom laat de Haet toeten enen ygeliek , die de giften of maken gemaakt »f gegeven fyat dat f/ voer de Scipenen tomen , ende dfe maken ofte giften tot Ihoechnijfe der Scepen in hare boeken feriven laten binnen 14. dagen, ofdaer tendens vril de Kaet daer geen befpreck off hebben op ten Sceptn , ofdaer vtrfium bygefchiede. 'tWelK bewyft de bondigheit van zodanige uitterfte willen , indien zy maar tydig ter kenniffe van de Schepenen gebragt wier- den. En dat deze fterfte op het platte land ook zeer gewoed heeft, blykt uit het geene ik de* donderdags opS.Lamberts avont 14.23. aangetekent vinde , alwaar ik leeze , on/e lieve Heer van- Utrecht ende de Raet der Stat Utrecht hebben gt* leydt gegeven allen tutheemfche laden , die hier in den landt van Utrecht comen willen vnenen , ende bouwinge etenne- men , *lfoe veel bouwiageu om dtr Ji 'erf "te taille ledicb fyn , tveral in den lande van Utrecht.
(i) Gout hoeven fchryft,dat het getal der gevangene beliep
acht hondert mannen. Doch Buchel. ad Hcd. p. »8j. gelooft bet niet.
R a
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
||||||||
|
|
|||||||||
|
|
»66 UTRECHTSCHE 14**.
hebbende , de Stadt in brandt geftooken hebben,
en met den geroofden buit en gevangene naar
Utrecht gekeert zyn.
,
1422.
'
In 't jaar 1422. is de Regeering dezer Stadt
aldus beitelt:
Schepenen.
Vrederic van Drakenborch.
Jan Pot.
Egbert Jacops zoen.
|
|
|||||||
|
Èmge Proys.
i |
|
||||||||
|
|
|||||||||
|
|
n, Borgermeyfter.
|
||||||||
|
|
|||||||||
|
|
Claes van Loenen.
Lodewich de Wael. Jonge Jan van Lichtenberch. Jan Trinde.
Adriaen van Lantscroen.
Bertelmeus Zoudenbalch. Dirc Grawert.
Raden.
Braem van Landscroen, Borgermeyfter.
Herman Grawert.
Jacob Scrodekyn.
Henric Hafert.
Steven Huberts zoen.
Jacob Geryts zoen.
Vranc Godevaerts zoen;
Jan Rwflche, Peters zoen.
Jan over de Vecht.
Herman Vos. ,
Jacob van der A.
Peter
|
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
JAARBOEKE N. act
Peter van Snellenberch.
Jan Geryts zoen. Henric Jan Elyaes zoen. Aernt Hoet. Reynier Aernts zoen. Geryt van Vlueten. Henric Pauwels zoen. ' Heyman Gruter. Herman de Vroede.- Hubert Daniels zoen. Geryt Dedel. Willam van Nyenvelt. Peter Stevens zoen.
Oudermannen.
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
Jan Knyff. > c -j .
|
||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
Claes van Gruenenberch. *
|
|
.
. |
|
|||||||
|
|
|||||||||||
|
|
Claes Geryts zoen. , Backers
Claes Martens zoen/
Gheryt Beernts zoen. -, Molenae
Ghifebrecht Stevens zoen/ Molenac«-
Faes van der Paflche.i T
Henric de Monick. > Lynnewever,.
Jacob Vrederix zoen.} Vle houwm.
Jan Foyt.
Ghifebert Claes zoen. } Virchcopers.
Thomas Hout. J
Henric de Wit Jans zoen. -, T ,._.
Weflel Jan Beren zoens zoen.-*"
Dirc Aernts zoen. -, Woliewevers
Jonge Willem Verwerd A
Lambert van Zulen. » TV/T..-!,.
7 ,. r lYlarsluden.
Jan die Loninc.
|
|
|||||||||
|
|
R 3 Jan
|
||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
||||
|
|
Ü T R E C H T S CTÏ E
Jan van Tyel. } Botterluden.
Willem van Weelde. J
Gheryt de Haen. } Cordewaniefs.
Gheryt Jans zoen. s
Jan van Wefel. } Oudecordewaniers.
Jacob Scout. -»
Willam Cloetinc. } CoreacoperS.
Henne van Voskulen.J
Even van Strimoet.T^ ,,rMni.a
Vrederic de Wit. > Oudewan tfmders.
Jan Bolle. -, gteenbjpkers
Timan Sloyef Geryts zoen. *
Evert van den Daem. } Graeuwerkers,
Aelbert van Hameritem. J
Timan van Dorflche.
Ghifebrecht Louwe.
Willem Bogemaker. -i n ,.
Claes Clyaes zoen. > Bylhouwers-
Jan Rwflche. > v^i^
Weemmer van Merfen. * "
Daem Jans zoert.-, 7adelaars
AerntClaeszoen/'
Het was in dezen tydt de gewoonte, wanneer
één borger dezer Stadt lyfrenten hadde op deze of gcene Stadt van Holland, en die Stadt dezelve niet betaalde , dat zodanig een borger zich daar over beklaagde aan den Raadt, en dat wel met die uitwerkinge , dat een borger van die Stadt, die }n de betalinge verzuimig was, alhier komende wierd aangehouden, om op hem de geledene fchade te verhalen. Op gelyke wyze ging het in Holland, Wanneer alhier de Renten niet betaald wierden. Dit was een goet dwangmiddel, om de Re- geerders van die Steden, die nalatig waren in de
vol-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1422. JAARBOEKEN. 363
voldoeninge der bedongene renten,te noodzaken
tot betalinge , dewyl zy als Hoofdheeren hunner borgeren verplicht waren de vryheit van zodanig eenen aangehoudenen borger te bezorgen, en hem fchadeloos te ftellen. Om nu te beletten, dat in de- zen tydt des oorlogs , niemant licht lyfrenten in Holland zoude kopen, heeft de Raadt des vrydags na Quafimodo , verftaan , dat voaer yemant, die hem defer tyt voert eenige lyfrenten in Hollant coft, dat men hem daerom bier nyemant vat Hollant bezet hebben en wil, noch daer geen recht op gedaen.
Den oorlog tegen de Cabeljauwfche in Holland,
en den Hertog van Gelre , fchoon met veel dap- perhcit door die van Utrecht en Amersfoort ge- voert , dus twee jaren geduurt hebbende, begon- nen de middelen te ontbreeken , om die langer uit te houden. De Overyffelfche Steden, en voor al de Stade Campen hadden veele fchaden geleden in het verliezen van hunne fchepen op de Zuyder- zee , en het platte land van het Sticht was voor een groot gedeelte door de menigvuldige ftrope- ryen genoegzaam vernield. Waarom het verlangen naar den vrede groot was. Aan den anderen kant hadde Jan van Beyeren zyne meerte macht naar Vrieslandgewend,omdiet'ondertebrengen,alwaar hy veel volk verloor,en zyn oogmerk niet bereik- te. De Hertog van Gelre ook veel fchade enver- woeftinge in zyn land geleden hebbende , neigde mede tot den vrede. En dus zyn zy wederzyts het eens geworden omtrent Pinxteren om eene vrede aan te gaan. Vofllus in zyne Jaarboeken zegt, dat de voorwaarden van deze vrede niet te vinden zyn by de Hollandfche Schryvers, doch dat de Biflchop volgens dezelve verplicht is geweeft eene grote fomme gelds aan Jan van Beyeren en aan
R 4 den
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
UT RECHT S C HE 1422.
dett Hertog van Gelre te geven, en dat 't bedon-
èe geld aan Jan van Beyeren betaalt is, 't welk Heda ook getuigt, maar dat door het overlyden van den Hertog Van Gelfe in het volgende jaar, de betalinge aan hem niet gevolgt is. Pontanus en Sligtenhorft vertellen, dat de Biffchop deze Vrede gekocht heeft, en dat zy in dé Archiven ka. ttier van den Hertog van Gelre gezien hebben den brief» waar by de Biflchop met die van Utrecht én Amersfoort zich aan den Hertog Reinout ver- bonden hadden » de zoene van waarde te zullen houden , en gezegelde brieven wegens de be- loofde penningen te zullen uitleveren * en alles in der minne te zullen afmaken. Doch dat de Hertog de dag der betalinge niet beleeft heeft. Het fchynt mytoe, dat van dezen tydt af de afge- zanten zyn gezonden naar Cuylenburg om daar te handelen, en dat de vrede niet in dit jaar, maar eerft in 't volgende jaar ten eenemaal getroffen is, om dat ik in onze Raadtboeken vinde, dat de vre- de , die den volke 's maandags na beloken Pinxte- ren van dit jaar was aangekondigt, telkens van tydt tot tydt verlengt is, en dewyl ik eerft leeze op alre Apoftelen dag van 't volgende jaar 1423. dat op naam van den BiflTchop en den Raadt het volk by klokluidinge bekent gemaakt is, dat 'er eene ganfche zoene gemaakt is te Cuylenburg. Mat- thaeus C1) brengt wel voor den dag een vredesop- ftel van den 27. July dezes jaars; doch 't zelve be* helft alleen 't geen Jan van Begeren heeft toege- ftaan, die daar met de zynen alleen fpreekt, zon- der
,
(i) Matth. Rer. Amertf. Script, p. if8. die de jure Gladü
p. 4.69. by brengt eenen brok van het verdrag ,'t welk niet ge. vonden word in 't geen hy op de eerfte plaats geftelt heeft. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
i4fta. J A A R B O E K EN. a($5
der dat daar in begrepen is 't geen de Biflchop en
zyne bondgenoten belooft hebben te zullen achter- volgen , en 't blykt uit de goetkeuringe, die dé Biflchop en de fteden Utrecht en Amersfoort op de zoene gegeven hebben (welke Matthaeus ook op- geeft) den 6. July 1443. dat in 't volgende jaar de verfchillen eerft vereffent zyn. Dus ftelle ik vaft , dat van dezen tydt tot in het laatfte van de maand July des volgenden jaars, eene opfchortinge van den oorlog , en dus llilftant van wapenen is geweeft, en dat de tuflchentydt hefteed is teC«y- lenburg om te handelen.
Uyt het geene Matthaeus voorbrengt konnen
wy wel gedeelcelyk opmaken , waar toe Hertog Jan van Beyeren en de zynen zich verplicht heb- ben , doch het eigentlyke verdrag in 't jaar 1423. te Cuylenburg gefloten , zoo met Hertog Jan van Beyeren als met den Hertog van Gelre , hebbe ik nergens gevonden. En dus kan ik niet opgeven, hoe veel de Biflchop en de Steden, en inzonderheit deze Stadt heeft gegeven aan Hertog Jan van Beyeren, en belooft heeft te voldoen aan den Hertog van Gelre. Dat deze Stadt geit gege- ven heeft, moet ik befluiten uit het geene ik aan* getekent vinde donderdags na Pauli converfio 1423. by klokluidinge a0.000000e+000kondigt te zyn met de- ze woorden : om onj'er Stat fcboude te betalen, «n onfer Stat eer e en geloven te houden, hebben onfen Raet out ende n.we by believinge ende confente der gilden hoer fyfen deels geboocbt, enfommige nyefy- fe gemaect ende gefet. Uit welke woorden om on- jer Stat eere en geloven te houden, ik opmake, dat zy daar mede hebben willen te verftaan geven, om de penningen, aan den Hertog van Beyeren be- looft, te voldoen. Ook vinde ik des Maandags na
R 5 Lucie
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
s66 UTRECHTSCHE 1422.
|
||||
|
|
|||||
|
|
van 't zelve jaar 1423. dat 'er in het Sticht
was opgezet een nieuw Mergengeld en Huisgeld , om die zuen van Beyeren van den leften dage te be- talen. Zoo dat 'er zekerlyk geld zal betaald zyn , doch hoeveel , is my onbekent. Ik hebbe ook nauwkeurig nagelezen de lyft ofln ven taris der pa- pieren en ftukken , op de Rekenkamer van Hol- land beruftende, welke ik onder mynemetdehand gefchrevene boeken bezitte , doch vinde geene rael- dinge van dit vredes verdrag.
Jacob van Locborft , Jan van den Spiegel , en
hunne mede ballingen in deze zoene geweigert hebbende te komen , willende op zich zelfs vyan- den blyven van den Raadt der Stade en de borgers, om die aan lyve en goede te belaften , zoo heeft de Raadt op S. Margrieten dag eenparig verftaan, hen te zullen wederftaan , krenken en vervolgen , heitnelyk en openbaar , daar zy maar zouden konnen en mogen , aan hun leven , lyven en goederen. En zoo wat daar af kwam , of in wrake daarom gedaan zoude worden , dat de Raadt die zake zou- de aanmerken en opnemen als eene gerneene Stadts zake.
De Amersfoordenaars hebben noch dit jaar de
vruchten van den vrede genoten , hebbende Hertog Jan van Beyeren den zesden September beveftichc de vryheit der Tollen in Holland , door zynen broe- der Wilkm hen in 't jaar 1413. vergun t. (i)
Niet tegeftaaade het platte land zedert twee ja-
ren zoo fterk betreden was van krygsknechten , die het geluit hunner wapenen deden horen , zoo fchynt echter het wilt gedierte daar door niet verjaagt geweeft te zyn , hebbende de Raadt dezer Stadt
des
(i) Ziet Matth. in Dedicat. rer. Amersf. Script.
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
1422. JAARBOEKEN. a6>
des Vrydags na S. Marcus dag translatie» by klok-
luidinge verboden, enig grof wilt te vangen ergent op des Biffcbops iviltbaan, als berten, binden tzwy- nen of ander wilt; oftefretteeren, ofmetculeden ofmetfakken konynen te vangen, blyvende geoor- loft te vangen en te jagen met jachten van honden, hazen , konynen en voflen ; maar anders niet. welk laatfte noch het zelve jaar des Woensdags na Matthei bepaalt is alleen tot het jagen van hazen, zynde daar by wel uitdrukkelyk verboden konynen te vangen. Uit welk befluit men nader verftant krygen kan van des Biflchops wiltbaan, vermits daar gezegt word , dat de Biflchop Aernt Hoet, Raet en borger, gemaakt beeft finen boutve/ler en- de luarantmeyfter, vanjynre wlltbaen tuffcben den Dynsioe ende der Gt-ebben, ende tuffcben den Rytt ende ter Eem.
De Biflchop heeft dit jaar de vergaderinge der
geeftelyke Heeren, of het Synodus (waar van wy hier voor al gewag gemaakt hebben) die gehou- den pleeg te worden finte Remeys miffe, die Can- tate genaamt word, verzet op S. Gelis dag.
De Biflchop heeft ook te dezer tydt bepaald het
regiftergelt, te geven van die geene,welke in het geeftelyk recht kwamen, als mede hoe de Maar- fchalken recht zouden doen tegen die genen, die eens anders land t'einde der huurjaren gebruikte, als anders. De brief daar van', myns wetens noch niet gedrukt, fchoon my voorftaat ergens by Mat- thaeus een brok daar van gelezen te hebben, is van dezen inhout:
Wy Frederick van Blanckenhem , bi der
genaden Goids BifTcop tho Utrecht ma- ken cond allen luden , dat wy voer ons ende onfe nacomelingen Biflcoppen tho Utrecht,
be-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
s6g UTRECHTSCHË 1412.
belieft ende confentiert hebben, believen ende
confentieren mit defen onfen brieve, defe punten ,, hier na befcreven the holden ende the doen holden. In den eerften, waer enich man, die in dat regifter ons geeftelicken rechts quame , die en fall van eiken regifter niet meer geven dan enen braspenninck, off die werde dairvoir aen anderen payment. Ende dit regiftergelt fullen die geven, die in 't regifter comen, the betalen altoes voir den heiligen Paefchdag, als men dat plecht the betalen. Ende weer yemant, die des niet en dede, daer falmen mit recht op voert varen, als recht is.
Item foe is onfe wille, ende ghebieden onfe
Maerfchalken, die nu fyn, of naemaels comen zullen, weer enich man ons lants van Utrecht, den fyn lant uter huer weer, ende voirt dat ver- hueren off felve gebruken woude, ende hem v yemant daer an hinder of crot dede, dat fullen onfe Maerfchalcken, daer dat onder gefchiede, rechten, als aen den ghenen, die den anderen dat fyn neme.
Item fo yemant ghevangen worde, die bo-
ven pandinge ende befettinge oft gebuert had- de , dat de Pander gegicht hadde, foe en ful- len onfe Maerfchalken des mans niet weerloes werden, hy en fal rechten, als hy dat fchuldich is te richten, ende dat die clager dat fyne heb- be , eer hy des mans weerloes werde. Ende weert faecke, dat onfe Maerfchalken des mans in enigher manieren weerloes werden, off hem ontliepe , buten des clagers wille, foe zullen onfe Maerfchalken der clagher van zynen ge- breke terftont voldoen. Ende mede off onfe Maerfchalktti over den man richteden , foe fal
« die
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1423. JAARBOEKEN. 269
die clager nochtans dat fyne verhalen aen des
doden guede, alfoe verre als dat ftrecket.
Item foe fullen onfe Maerfchalken nyemanc
voir hem bieden laten anders, dan mit onfen gefworen Panders,
Ende alle defe voirfcreve punten geloven wy
voir ons, ende voir onfen nacomelingen Bif- fcoppen tho Utrecht voirfcreve vafte ende ftede te houden , fonder argelift. In oirconde des briefs befegelt mit onfen fegell. Gegeven tho Utrecht in 't jaar ons heren dufent vier hondert twee ende twyntich, des feventienden dach in Augufto.
Eer ik ik van dit jaar affcheyde, zal ik terloops
maar aantekenen, dat ik in een verbod, door den Raadt gedaan, van den Scherprechter geene fmaat- heit aan te doen, denzelven genoemt vinde: onfer Stat Meyfter van der boecbfter recht,
< ! - ' : .
1433.
'
In het jaar 1423. zyn tot de Regeering verko-
ren deze navolgende perfonen;
.
Schepenen,
. - ..v
. -
Johan van Lichtenberch,.-Borgermeyfter.
Johan Hombout.
Godert de Coninc.
Willem van Wynfen.
Matheus Pot. '
Henrick de Witte.
Jacob de Voecht.
Jan van Amerongen.
Henric Vrencke; ..... *
Eerft
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
*;ro UTRECHTSCHE 14*3»
Eerft van Herdenbroec.
Jacob van Clarenborch. Egbert Paelvoet.
Raden.
Herman Zitten.
Gheryt Knyff.
Willem Henrix zoen.
Huge de Goyer.
Claes Otten zoen.
Gerbrant Spiker.
Beernt Proys.
Peter van Kreyenbroec.
Steven Stevens zoen.
Marten van Endoven,,
Henric van Scalcwyc.
Henric Staeck.
Huge Grawert.
Jan Mathys zoen.
Willem van Alendorp, Borgenneyfter.
Aernt Willams zoen.
Roelof Timans zoen.
Herman Weflels zoen.
Geryt van Benfcop.
Lyeboert Ryem.
Henric van Loenrefloet.
Peter Huberts zoen.
Henric Jacops zoen.
Pecer Foyt.
Oudermannen.
Hen
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||
|
|
1423- JAARBOEKEN.
Henric Stamer. -, c . ,
Dirc Geryts foen van Ruweel.* ' 'mders'
Henric Spiker. -> n
Jan van 6eve. > Backers'
Willam van derWoert.T »» i
Gheryt Pul. }Molenaers.
Jacob Eebrechts zoen. ? TTI .
Vrederic Huberts Zoen> Vleyshou^"- Peter Calle. > ,r.r , ,
Ghifebrecht Heer. > Vifchkopers.
Jan die Wit Henrix zoen. , T
Ghifebrecht Dirc Willems zoens zoen./^ouwers*
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
Marsluden'
der Maelftede. J
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
. .'.
Mac. |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
|||||
|
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
UTRECHTSCHE 1453.
Matheus Scrodekem. } B lhouwers.
Jan Meenszoen. . s 3
Peter Grawert. T <, A
A r\ L r omeden. Aernt Oghe. . J
Jan de Keyfer. > 7 jpinp,
Willemjans zoen van Scherpenberch.-^
In het begin van dit jaar heeft de Biflchop eeni-
ge voorrechten aan die vwHaffelt verleend, (i)
Ter voorkominge van overftrominge der rivie-
ren , zyn in dit jaar de Geeftelykheit, de Raadt dezer Stadt ,en die geene, welke Gerechten hadden in de Lopikkerweert, met die van Schoonhoven en de hunnen , over een gekomen, dat van elk mergen gelegen in de Overfchouwe van Lopikker- weert zoude worden gegeven vyftien wit (2), om daar mede de waden en gaten in den YfTeldyk en Lekkendyk te floppen.
Mogelyk zal men vragen, hoe komt de Raadt
der Stadt hier in dit verdrag genoemt, daar de- zelve geene landeryen daar leggende hadde? Doch hunne toeftemminge was nootzakelyk , om die borgers en onderzaten, welke landen aldaar gele- gen waren, hun aandeel te doen betalen. Wan t de borgers volgens hunne voorrechten, welkers in die tyden met alle oplettenheit wierden in acht geno- men,, nergens tufïchen Node en Bodegraven kon- .nende te recht geftelt worden , dan voor den Raadt, was het volftrekt nodig, dat de Raadt
dit
(i) Ziet Dumbar torn. n. Anal. p.4.15.
(i) Wordende 'er~bygevoegt, dat zulks gefchiet van gij**
ftn en niet van rechts wegen: en in 't volgende jaar 1414. 'detVrydags na reminifcere, om de wade te Krimpen t« bel« ptn,,van groeit» en niet van rtthfstegen. |
|
|||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN. 373
dit verdrag goetkeurde en mede aenging, zouden
de Borgers en onderzaten wegens hnnne landeryen ter betalinge verplicht worden. Even zoo was het geftelt met deuitzettingevanhetMergengeld, 't welk ingewilligt zynde by de Staten , liet de Raadt, en niet de Staten, die in de Stadt niets te zeggen hadden , daar van kennifTe geven aan 't gemeen, en hen gebieden, dat zy op zekeren be- paalden tydt en plaatze het Mergengeld der lan- deryen, waar van zy eigenaars waren, moeften be- talen, onder eene zekere boete by verzuim, waar van eene cedulle wierd uitgehangen voor Hafen- berg, op dat een ieder weten zoude, hoe veel, waar, en wanneer , hy betalen moefte. Zoo ook hier in dit geval, liet de Raadt by klokluidinge we- ten , dit verdrag aangegaan te zyn met die van Schoonhoven en de hunnen , gebiedende hunne borgers en onderzaten, die.in de Lopikkerweert landeryen hadden, de vyftien wit voor ieder mer- gen te betalen tuffchen vrydag na onzer Vrouwen dag annuntiatio, en Sondag te beloken Paaflchen in de kerk van fint Marien, aan die genen, die daar toe zitten zouden , op verbeurte van by nalatig- heit terftont uitgepant te worden aan twee fchat- ten gelden, of aan vier fchatten panden , zonder iemand daar in te verfchonen.
Hertog Jan van Beyeren heeft den 27. July eenen
brief uitgegeven, behelzende het onderhout en de beheeringe van den Diemer Zeedyk, zoo door de Hollandfche als Stichtfche Heemraden te verrich- ten , welke kan gelezen worden in het begin
van det tweede deel van hec Utrechts Placcaat-
, , >.
boek.
In dit jaar is gefticht eene Vicarye in de Buur-
kerk , waar van de Overften in der tydt in 'c ver-
S volg
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
UTRECHTSCHE 1423.
volg de begevinge gehadt hebben. De brief der
ftichtinge noch ongedrukt, en wel waardig om ge- lezen te worden, is van dezen inhout:
In der eeren ende name der heiligher Drie-
voldicheit, des Vaders, des Zoons, ende des heilighen Gheeftes. Wy Burgermeifter , Sce- pen ende Raide oude ende nywe der Stadt van Utrecht, ende van wegen der Stadt voerfcre- j, ven , doen kondt allen luden , dat wy beken- nende dat woert Godes doir den monde des hei- ^ lighen Prophetes, dat men yerfte ende voer all titelike dinge foecken zeil dat rycke Godes, en- de dat dat beghynne alre wysheit is,- vrefeende ontfich fynre moeghentheit: hier omme, ende om dat een onfe truwe vryent ende dienre Gbe- }, ryt Berntfe, die voer der heiliger kerken recht ende befcherme,nu in der laetttervetetuflchen Hollant ende Gelre op die ene zyde, endeonfs j, op ter ander , in onfen dienft doet ghebleven is, den God ghenadentlick ontferme, in fyne leven ende laetften wyll in goeden finnehadde, fyn ghoet te gheven ende te laten ter eren Go- des tot ftichtinghe eenre Capelryen, ende after gelaten heeft drie hondert dominus gulden , dair wy Mabelyen, Gberyts moeder ende erfna- me, hondert dominus gulden off beleent hebben >5 an lyfrenthen , alfe vierthien dominus gulden jaerlicx tot hoeren live duerende, ende die an- ;,, der twe hondert dominus gulden hebben wybe- - lecht an erfrenthen, alfe om elf dominus gulden elkesjaers, gelike die ren the brieve, die wy van Gheryt die Keyfèr , onfe borger , dair of heb- ben , dat bewyfen. Ende foe defe erfrenthe -,', nïet ghenoich en is tot heencoomfte ofte noot. rofte eens Priefters, willen wy nochtans nae wil-
» Ie
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1423. JAARBOEKEN.
Ie ende begherten G&ry/jvoerfcréve, desgoe>
den werkes maken ende {lichten, hopende dat noch te meeren ende te beteren tot nootroften eens Priefters, om een ewighe Vicarie te ftich- ten , nae wille Gheryts voerfcreve. Soe heb" ben wy ghemaift ende ghefet, maken ende fet- ten mit defe onfe brieve ende fundacien , oicfc by wille ende confente Mabelyett Gèeryt Be- rents zoens moeder, ende rechte erfname voer- fcreve, een Officium ofte dienfte, tot eren der. heiliger drievoldicheit, der gebenedyder Moe-1 der ons Heren , ende des heilighen finte Mar- tyns ons Patroens, te doen ende te verdienen van den renthen voerfcreven. behoudelicken, dat wy dat Officium tot alre tyt, als ons dat open wert, dan meerren, wandelen , verleg- ghen ende verbeteren moighen » ende hier of een beneficium maecken ende ftichten, by gna- de ende hulpe ons Here des Biffcops van Utrecht in der tyt, ende der Cureyten, of des Cureyts, daer wy dat dan ftichten ende veftighen zullen, te bliven tot ewighen daighen. welke officium voerfcreve wy nu ter eren Goedts, ende puer- liken om fynen wille ghegeven erjde bevolen hebben , gheven ende bevelen mit defen brie- ve, enen eerfamen Priefter , Here Bernt ufen holte , dat te verdienen , ende te bewaren zyn leven lancg, op ten laften ende mani«ren nae- j, befcreven.
In den eerften, alfe Gberit die Keffer, onfö
lieve mede Raet ende goede vrunt voerfcreve , defe twe honden Arnhemfe galden ondef heft, om die tebelegghen an erfrenthen, ende die an hem felven ende finen goeden dat be- w wyft heft, na inhout fynre brieve, die dair of
S » ,» fyn,
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||||||||
|
|
U t R E C H T S C H E 1423.
fyn, foe feil Gberit voerfcf eve, of fyn nacome-
lingen pachteren voerfcreve, die renthen, die dair of comen, alfe elf dominus gulden, jaerlics wtreyken ende betalen Here Bernt voerge- noemt , of fyne nacamelingen befitteren des Officiums , die ene helfte tot finte Peters dae- ,, ghe ad Cathedram naiftkomende , ende die an- |
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
s»
|
|
der helfte tot finte Martyns daighe in denwyn-
|
||||||||
|
|
ter dair naiftkomende, ende alfoe voert jaerlics
|
||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
15
|
|
tot ewighen daighen , thent hy die renthen an-
|
||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
ders waer beleyt heft, nae inhout fynre brieve
voerfcreve. des fal Her Bernt voergenoemt ,of zyn naecomelinghe, die wy dat bevelen fullen, diet officium verdienen, ende officieren in der Buerkerc op ter heylighen cruus outair , tot dier tyt toe , dat wy hem een ander bequame ftede fullen laten weten, elker wekemit tween miflen , te beghinnen defs merghens thee ach- ter ure , alfe des manendachs ende des vrydai- ghes, eer men te Raide ghaen feil, ende ful- len heten des Raits miflen, ende falmen doen die ene mifle in der eeren Goedes ende derhei- liger Drievoudicheit, ende die ander mifle feil j, een fyll mifle wefen in der eeren Goedts, ende tot ghenaden Gberyts fiell voerfcreve, ende al- Ier derghenre, die defer ftichtinghen waeldaet ende deell hebben fullen nu, ende tot toeco- menden tyden. Ende in elker miffen van den tween miflen zall die Priefter houden een fuf- fragium , ofte collefte van onfen heilighen Pa- troen finte Martyn. Ende dit Officium ende beneficium , off zoe ghefticht worde, en fall nyemant hebben , hy en fy Priefter, offhy en fal Priefter worden binnen jairs na dattet hem ghegeven fel werden , off by vervallet van der
>> smf-
|
||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
|
||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
||||||
|
|
1423- JAARBOEKEN.
ghifte hem ghedaen, ende ghene ander ghifte
,, daer of weder te kryghen. Ende die ghifte des Officiums ofte dienfte voerfcreve, als dat open wen , fel altoes wefen ende bliven an der vier nywen Overften in der tyt, te weten, an den ,, tween Borgermeyfteren ende tween Overften Oudermans van Utrecht, eendrachtlick dat te gheven binnen vier maenden , nae dattet open werden feil, off dat mere ghetall, alfe drie van hem vieren. Ende off die Overfte, ofdatme- re ghetal van hem , defe ghifte en bevelinghe niet en deden in der manieren voerfcreve, foe fel die oude Scepenburgermeifter dan in dertyc hoer Overman wefen , ende mit welken tween Overften hy dan gheven fel, dat fal dan totdie- re tyt ftede wefen , behoudeliken die na toeco- mende Overften hoer machten ende ghiften tot hoeren tyden. ende alle argelift in eiken pun- ten voerfcreve claerlick wtgefcheiden. In ewi- gher kennifTe hier of, hebben wy onfer Stadt fegell hier an wt doen hanghen, in 't jaar ons heren dufent vier hondert drie ende twintich, op finte Viftoers avont.
Den negenden Oftober is overleden de BifTchop
Fretierik van Blankenheym , hebbende dertig ja- ren en zes maanden den ftoel bezeten. Hy was een wys , verftandig en kloekmoedig man , en word van alle Schryvers zynen lof vermeld (i). Men
ver-
(i) Behalven de Schryvers , die met de uiterfte achtinge
van heni gewagen, aangehaalt by Matth. Rer. Amersf. Scripr. p. 163. en Heusf. Kerke! Outhed. I. Deel bladz. 284.. Zoo noemt hem Bruflchius deReform. Monafter. t.li.Rer. Brunsv. Script, p. 480. ten geleert en voorzichtig man , en Herman- nus Cornerus in Chron. apud Eccardum tom. n. Corpof. Hiftor. medii aevi p. 1260. een voorzichtig en zeer deugd-
S 3
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
978 UTRECHTSCHE 14*3.
verhaalt van hem. dat hy op zyn doodbedde deze
woorden zoude gefproken hebben: Die van Utrecht zullen na tpynen doodt eer (l recht leer en erkennen, dat ik ben een goet en vredelievend Heer getueeft hebbeen ieder van de Geeftely ken is luftig om te beerjcben, nie- mand vail ft aan onder anderen, en hier uit zal eene zeer fcbrikkelike vervaerringe opryzen. (i) De uit- komft heeft ook geleert, dat deze voorzegginge waarachtig geweeft is.
Zommige fteljen zynen doodt voorgevallen te zyn
te Vollenbooe , andere op het flot ter Hor ft (2). Doch dit kan niet wel waar zyn , dewryl Mat- thaeus (5) uit eenen echten brief bewyft, dat hy op den zelven dag van zyn overlyden in de Domker- ke begraven is, verwonderende zich, hoe in' dien korten tydt alle den toeftel tot de plechtige begraaf- fenifle heeft konnen vervaerdigt worden, met by- voeginge hier van nooit een voorbeelt gevonden te hebben. Naar alle waarfchynelykheit zullen zy wit zyne laatfte ziekte, (te meerdewylhyeenoudt man was) hebben opgemaakt, dat zyn fterfuur na by was, zonder hope van herftellinge , en dus ty- {lig alles, tot de begraaffenUTe podig,te voren ge- reet
zaam man. en Petit Chronique de Hollande livrern. p. in,
bommt magnanime , prudent , difcret , liberal et affable , doBt en droits ft loix , et fort frevoycnt au fait de fa» ejtat et dignité.
(i) Ziet vin Leeuwen Batavia illuftrata p. 606,
(i) Ziet Buchel. ad Hedam p. z8j. Revius in Hiftor. Da- irentr. p. ptf. fchryft, dat fcy te Vollenhove geflorven i», en dat zyn lyk roet een wagen , verzeld door eenige edelluiden {'Utrecht gebragt, en voor de poorte afgehaalt is door de Geeftelykheit, en zoo gebragt in de Domskerk. Dumbar t. n. Anal. P-4H- wij ook, d*t hy tp Vollenhoven geftor. ven ie. (3) £iet \Iafth, torn. ix. Analeft. p, 166. |
|
||
|
|
||||
|
|
|||||||
|
|
1423- JAARBOEKEN. 1179
reet gemaakt hebben , om zoo veel te fpoediger
tot de verkiezinge van een ander te konnen tre- den: dewyl, zoo lang de overlede niet begraven was , de Capittelen niet vermochten t'zamen te komen ter bezorginge vaneenen opvolger. Onder eene heerlyke grafnaalde leyt hy in de Domkerk begraven, met dit Graffchrift: (i)
Praeful Magnificus de Blanckenheim Fredericiis,
Nobilis ex genere condltur hoc opere.
Koevort aUatum , revocans vi Drent b & Coniï-
tatum
Reddidit eccleflae , junxerat & patriae.
Groningbe n pr-idem refugam, conjïruxlt & Idem
Halten , fed Kttynre duxit adhaec emere.
Ter ram Stellingvoerf , domuitque cremando Sco-
terwerf,
Sic nocuït nocuh , profuït innocuh.
Freglt Rynenftein pro demeritis & Everfteyii.
Annh ter decem rexit Mc ante necem.
X bis , Cque quater Jemel M , dumfcribitur & ter, nono cej/ït agone bono. |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
Daags nadebegraaffeniflewaseen algemeen Ca-
pittel beleit , alwaar naar gewoonte de algemeene Stedehouder ( Vicarius generalis) de Officiaal en de Geheimfchryver des Biflchops met nederleggin- gé hunner ampten , de zegels aan den Proolt van den Dom overgaven , welke aldaar ver-
broken
' t') Mafth. lib. i. Fundat. Ecclef. r. p. iv. Kemp in debe-
fchryvinge der Stadt Gorinchem p. izó. verhaald , dat zyn lyk gezet is in het graf, waar in Robbert van Arkel, broeder van BiflTchop Jan van Arkel , begraven lag, en dat zyn doodt lichaam is opgegraven, en zyn bannier en wimpel, hangen- ds boven, zyne tombe, zyn verfckeurd. Zoo vwre ging de haat tegen de Ilcercn van Arkel.
S 4
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
_..._
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
||||||
|
|
UTRECHTSCHE
broken wierden , uitgenomen die van den Offi-
daal , welke aan die geene , die de kerk daar toe het dienftigft oordeelde , gegeven wierden. Hier over omftont aanftonts gefchil , want de Prooft van den Dom dé zegels van den Officiaal ontfangen heb- bende , gaf die over zandrtwut de Wadl, Vicede- ken van den Dom, om gedurende het ledig ftaan van den Stoel die waardigheit te bekleeden ; maar de Canoniken der vier andere Capittelen fpraken dit tegen , bewerende ,dat het aanftellen van eenen Ofltciaal in deze omftandigheit niet ftond aan den Prooft van den Dom, maar aan de vrye verkiezin- ge der vyf Capittelen t'zamen , en verkoren een- parig , in weerwil van de Canoniken van den Dom, tot algemeenen Stedehouder Jacob van Lichten- berch , Prooft van S. Pieter, hem toevoegende tot medehulper (Coadjutor) Jacob Hondertmer ck , Canonik van Oiidmunfter , en Meefter Hendrik Houbercb^Qecw van Oudmunfter tot Officiaal, en voorts tot Ruwaarderj van het Sticht, wat het we- reldfche aangaat, Jan van Reneffe en Gysbertvan Ryfenburcb den ouden ( i "). Dit laatfte moet ver- ftaan worden te zyn geweeft het gevoelen der Geeftelykcn omtrent het aanftellen der Ruwaar- den , want ik vinde , dat Gysbert van Wanen van Ryfenburcb , en Gysbert van Nyenrode door het al- gemeene Capittel of Staten daar toe zyn be- noemt (2), maar niet jfan van Reneffe , '{welk my doet befluiten , dat de twee andere Staatsleden
in-
fi) Ziet Matth. torn. IT. Ana1. p. 168. hebbende het Ca.
pittel van den Dom meermalen dit voorrecht zich willen toe- eigenen , doch de andere vier hebben zich daar heftig te- gen gezet. Ziet Matth. d. 1. p. 129. & feqq. en lib. n. de Nobilit. cap.'^j. p. 691. & torn. i. Ansleft p. 211, |
|
||||
|
|
(i) Mattb. Ibid. p. 28*.
|
|||||
|
|
||||||
|
|
ï.
|
|||||
|
|
||||||
|
|
||||||
|
|
14.23; J A AR B O-E K -E "N: *8%
ré de plaats van Jan van Reneffe ,by deGeeftelyk-
heit voorgeftelt , Gysbert van Nyenrede lot die waardigheit benoemt zullen hebben.
Aanftonts na het overlyden van dezen wakke-
ren Biiïchop , deeden zieh veele vryers op, om deze kerk tot hunne Bruidt te verkrygen, en ver- feheide Vorften en aanzienlyke Heeren kwamen of zelfs , of zonden hunne gezanten naar Utrecht, om hunne vrienden in de gunft der Canoniken te beveelen. Dirk van Meurs, Aartsbiflchop van Keulen , zond eerft Walraven Heer van Carpen, Prooft tot S. Mariengrade, en Hendrik Prooft van S. Severin te Keulen, met een gevolg van XLIH. raenfchen, en kwam naderhant zelfs (i), verzoe- kende het Bisdom voor zyn broeder fFalrauenvan Meurs. Jan van Heynsberg, Biflchop van Luyk, fprak voor -Jan van Buren, Prooft van Aken , en van S. Marie alhier. Otto, biflchop van Munfter, vraagde de ftemmen voor Jonkheer Aelbsrtvan der Hoey , zyn neef; en Hertog Adolf van den Bergb voor Jonkheer Gerrit van Cleve. Hertog Adolf van Cleefkvtzm zelfs t'Utrecht, inet h,em brengende Evervuyn van Gutberivyk Grove te Ben" tbem, en Rudolpb Crave van Diepholt, Prooft van Osnabrug en Canonik in den Dom te Keulen,, veele moeite aanwendende, om den laatflgij den Biffchoppelyken Stoel te doen beklimmen*, ,Ook vinde ik, dat Frank van Borfele met een gevolg van, vyftig perfonen wegens Hertog Jan van Beyeren,. t'Utrecht is geweeft, doch ik heb niet konnenna- |
|
||||
|
|
||||||
|
|
(i) Dit befluite ik , om dat ik in het Bourfpraikboek
maendag na omnium Sanftorum vinde , dat Ijèiri met zyn gevolg tot ix. perfonen vry geleyde door den Raadt deser. Stadt verleent is. |
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
aga UTRECHTSCHE
gaan, dat hy iemant getracht heeft te bevorderen.
Ieder dezer Heeren hun verzoek gedaan hebben- de , namen de Canoniken hun beraad, en beftem- den den dag der verkiezinge op S. Meertens dag. Doch op dat die verkiezinge vry zoude gefchieden, en de Canoniken in de laatfte dagen niet te veel bekommert en geflingert zouden worden door fter- ke aanzoekingen, liet de Raadt elf dagen te vo- ren by klokluidinge den volke bekent maken, te weten des maandags na omnium Sanftorum: jilJQ cnfe lieve Heer van Utrecht geftorven is, den God cntferme, ende die Cle/ïe van Utrecht cortelic , als een Dynsdage naeftcomende , na der gewoente, tot enen nywen Heer enen Biffcop te kyefen,die ons God falicblic verlenen moet, gaen willen, fo is de Rait ottt ende nywe eendracbtelic overdragen over vribeit derCkfie,ende op dat/y onbelaft wsfen mogen te kiefen, 4at alle die gene, die na der koer ft a en, ende bid- den willen voer hem , ende voer boren meden (i) ende vrienden bidden mogen, off'fy willen, tuffchen dit ende vridage naeftcomende, ende dien dacb a*,, ende dat niemant van bem daern tendens hier bin- nen onfer Stat ivefen noch bliven en feil, op dat die Clefy ummer vry jyn in hoeren koer voirfcreve. En- de bleeJFymant bieren boven binnen onfer Stat, dat vjoude die Raat an hem houden ende rechten tot bo- ren gueduncken; nut genomen alle gce/lelikeperfoen, die ftemme in den koer hebben , die mogen bier bli- ven , ende mede kiefen na hore rechten.
Schoon de verkiezinge alleen ftond aao de Lee-
den van de vyf Capittelen,(welke niet naar den rang hunner Capittelen, maar volgens de jaren, in welke
zy
(i) Meden. Ik gelove dat dit waord kwalyk gefdbreven
« voor laegeft) dat is maagen, bloedverwanten. |
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
1423- JAARBOEKEN.
zy Canoniken waren geweeft, en dus naar den ou?
derdom hunner dienft, zonder onderfcheit van C»- pittelen, ftemden) zoo was het echter aan de Rid- derfchap en Steden niet onverfchillig, wie tot die. waerdigheit verheven wierd. Welke heimelyk af- gezanten gezonden hebbende naar die plaatzen , alwaar Rudolpb van Diepbolt het meeft verkeert hadde, en niet dan goets van hem vernomen heb- bende, befluiten zy den zelven ter verkiezinge tot eenen Biflchop aan de Capittelen aan te beveeleiu De Capittelen op S. Meertens dag by den ura- deren zynde in het Capitcelhuis van den Dom, om tot de verkiezinge van eenen BifTchop te treeden, wierden daar in eenigzints verhindert door den drift van Beernt Proeys, Raadt dezer Stat, welke zeer ongefchikt aan de deur kloppende, zynen neef Ja- cob van Lichtenberg (i) Prooft van S.Pieter,toe- riep al dreigende, dat hy een doodt man was, in- dien hy zynen ftem niet gaf aan Rudolpb van Diep- bolt.
(i) Heda pag. 184.. zegt, dat hy deze dreigementen dede
aan den Deken van S. Pieter, die in dien tydt geweeft is Pz'e- ter de Mera, doch dewyl hy 'er by voegt, dat die Deken zyn neef was, en Pieter de Mera een Brabander, oorfpronkelyk vaa Leuven geweeft is, hebbe ik voor den Deken geftclt den Prooft , die in dien tydt Jacob van LJchtentercb was , bïy- kende het uit de geflachtlyften der Lichtenbergen en Proet- fen, opgegeven door Buchel. ad Hcdam p. 280. & 490. dat deze Proeis vermaagfch.ipt is geweeft aan Uthtenbercb, heb» bende tot zyne tweede vrouwgehadt de dochter van den Rid- der 'Jacob van Licbtenterch. fin dewyl deze Prooft een maa v as van veel aanzien, van den oudften Stichtfchen Adel, en <ermaagfchapt aan de eerfte gedichten, is het my waurfchy. nelyker voorgekomen , dat deze hier, en niet den Deken , moet verftaan worden. Deze heeft als algemeene Vicariu* in het begin van het volgende jaar de Capelle van Valken- burg byLeyden verheven tot eene Parochiale Kerk, waar van de brief te lezen is by Matth. torn. vi. Analeft, p. 118, |
|
|||
|
|
|||||
|
|
__
|
||||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
284 ÜTRECHTSCHE 1413.
bolt. Het Capittel van den Dom, hier door hun-
ne vryheit geftoort achtende, weigerde tot dever- kiezinge te gaan; doch de andere Capittelen be- geerden , dat het gemeen Capittel, op dezen be« paalden dag t'zamen gekomen, niet vruchteloos moefte fcheiden , maar met het werk voortgaan, en, fchoon zy het ganfch niet eens waren, wierd echter by het opnemen der ftemmen bevonden, dat de voornaamfte gevallen waren op Rudolpb van Diepbolt, Jan van Buren Prooft van Aken , en Sweder van Kuylenburg Prooft van den Dom t'Utrecht ; doch Rudolpb van Diepbolt de meefte hebbende , hadde Sisaeder van Kuylenburg, vol- gens het fchryven van Heda, zyne ftemmen over- gegeven aan Kudolph van Diepbolt, met verkla- ringe op zyn gemoet, dat hy de weerdigfte was. Dus wierd Rudolpb van het Choor van den Dom uitgeroepen tot Biiïchop, en even buiten de Stadt zich bevindende, in de Stadt gebragt, en op des Biflchops ftoel gezet, waar op naar gewoonte in de Domkerk het Te Deum laudamus gezongen wierd. De Overyflelfche Steden nevens de Ridderfchap,die met deze verkiezingezeer in hunnen fchikwaren, gaven aanftonts de floten in hetOverftichtaanhem over , als mede de inkomften , die de Biflchop uit de landen , aldaar gelegen , gewoon was te genieten : Hierop zond de verkore Biflchop aanftonts gezanten naar Romen , om van den Paus in den Stoel beveftigt te worden , waar van wy den uitflag op het volgende jaar zullen melden.
De Heeren van het Capittel van S. Marien hun-
ne Thinfen in den lande van Yflelftein willen- de invorderen , zyn daar in belet en verhindert door den Heer Jan van Egmont. De verfchillen
daar
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||||
|
|
F434- JAARBOEKEN. s85
daar over in dit jaar gevallen konnen nagezien
worden by Matthaeus. (i) |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
1424.
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
In 't jaar 1424. hebben deze perfonen de Re-
geering uitgemaakt.
Schepenen.
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
Vrederic van Drakenborch.
Jonge Beernt Proeys.
Dirc van Houdaen.
Braem van Landscroen.
Willem van Nyenvelt.
lan over die Vecht, Hermans zoen.
Jan Trinde.
Jan van Lichtenberch.
Dirc Grawert, Schout en Borgermeefter. (*)
Adriaen van Landscroen.
Jonge Jan de Haen.
Vrenc Goderts zoen.
Ra-
il) De Jure Gladii cap. xxv. p. 442. (i) Alle d'Amptenaren van den Biflchop, waar onder de Schout de voornaamfte was, vervielen aanftontsby het over- lyden van den Biffchop van hunne bedieningen, en dewyl de Stadt geen Schout ontbeeren konde , zoo nam de Schepen Borgermeefter of de outfte Schepen in der tydt, volgens den brief van den Roomfch Koning Wencejlaus , gegeven den if. Maart 1381. het Schoutampt waar, tot dat een Biflchop verkoren, en die verkiezing door den Paus goedgekeurt was. Hier van kan men nazien 't geen de Heer van de Water heeft aangetekend in het Utrechts Placcaatb. III. Deel bladz. 203. en dus ftaat Dirk Grawert hier als Schout en Borgermeefter,
:
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
||||
|
|
a8<5 U T R E C H T S C H E 14*4.
Raden.
Jacob Sloyer Henrix zoen.
Jan Knyff.
Ermbrecht over Ryn.
Claes Geryts zoen. Jacob Vrederix zoen. Jacob van Amerongen. Henric de Wit. Jan Rwflche Peters zoen. Wilem van Weelde. Geryt de Haen. Henric van Endoven. Peter van Snellenberch. Jan Nypyfer. Jan Pot.
Ghifebert Louwe.
Reyner Aernts zoen. Jan Reteler.
Jan Wels Henrix zoen.
an van Benfcoep. Geryt van Hensbroec. Herman die Vroede. Timan van Zulen. Melys Haeck. Willem Scrodekyn.
.
Oudermannen.
Bertelmeus Zoudenbalch. » ,xr r .,
Ghifebrecht van den Ryn.> Wantfiuden. Henric Hafert. > 0 ., Tacob Scrodekyn/ Smders' Herman Grawert. -» n ,
Claes van Groenenberch/ üackew-
Eer-
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||||||
|
|
1414. JAARBOEKEN.
Bertout Claes zoen, -i M ,
Peter Zaflè. * Molenae«-
Ghifebrecht Dircx zoen. , T .
Willem van Mondwyc. > Lmnewevers.
Steven Huberts zoen. T ,n ,
Jan Jacob Egbcrts zoens zoen. * Vleyshouwers'
Tacob Geryts zoen. -> ,T.r ,
Ghifebrecht Claes zoen.>Wchc°Pers-
Claes van Loenen. T .
Weifel Jan Beren zoen. ' ""***
>WoU«wever,
|
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
Claes Sloyen } Cordewanier».
Ywun van Wely. J
ftC°k ^ïf.' > Oudecordewaniers.
Hennc Buddmc.
Tan Geryt Yepels zoen. } Corenc e.
Willem Cloetmc. J |
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
Hcnric Jans zoen. - Graeuwerkers<
jan Lubic. *
Tideman van Dorfchen.-, Rvem
Ghifebrecht de Keyfef. > ^em
Willem Bogemaker. }Blhouwe
Peter de Beer.
Jan Rwflche, -t Smeden
WernaervanMarfen. >(
|
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
Ches
|
||||||||
|
|
|||||||||
|
|
||||
|
|
UfRËCHtSCHË 1444.
ClaesFlorenszoen. , Zadelaers.
Dirc Goutflager.
Daags na de verkiezinge des Biflchops was eene
nieuwe vergadering beleid, en zoo uit naam der Capittelen, als der andere Staten gefchreven, en gezanten afgezonden naar Romen, aan Paus Mar- ten den vyföen,hem kennifle gevende, dat Dief belt tot de Biflchoppêlyke waerdigbeit was verheven , met verzoek van deze keuze te willen beveftigen. En de verkore BifTchop zond de zynen ook naar Romen, om de goedkeuringe te verkrygen. Docli de Paus heeft dit geweigert, onder voorgeven, dat RudolpbvanDiepholt een ongelettert en wereldfch man was, die de Latynfche taal niet verflont, waar- om hy de verkiezing nietig verklarende, de Ca- pittelen gelaft heeft naareenen anderen uit te zien. De Geeffelykheit, beweerende de wettigheit van hunnen handel, en zich niet willende fchikken naar den zin van hun Opperhoofd , heeft de Paus het Bisdom gegeven aan den Biflchop van Spiers, dien Buchel (i) meent Rabanus genaamt te we- zen , uit het adelyk gedacht van Helmftadt. Hier tegen heeft Diepbolt (taande gehouden , dat de be- paalde tydt der verkiezinge verlopen was, wes- halven de Canoniken zich van deze uitfpraak des Paus beroepen hebben op eene algemeene Kerkver-
gade-
.,. (i) ad H«dam p. 288. Immers dat deze in de jaren 1411.
en i+tz. Biffchop te Spiers is geweeft, blykt uit twee brie. ven van Keyzer Sigismundui aan dezen Rabanus gegeven, de «trfte in 't jaar 1421. ten zynen voordeele tegen de Stadt Spiers, en de tweede in 't jaar 1422. Waar by de Keyfer hem tocftaat fterktens en kafteeien te bouwen in het gebiedt dei Bisdoms. Welke beide brieven gelezen konnen worden in let Corpa Diplomatiquc ton», n. part.*, pag. ifi. Cn 17*. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1434. JAARBOEKEN.
gaderinge. (i) De voornaamfte Edellieden , de
Ridderfchap uitmakende,en de OveryflelfeheSte- den met her Nederlïicht nebben eenen dagvaart be- leyc en gehouden te Deventer, alwaar ook tegen- woordig is geweeft de Hertog van Cleeff, en hebben zich verbonden, zoo zy Rudolph van Diep- bolt niet voor hunnen BifTchop mochten hebben, hem dan te houden en te erkennen voor eenen Poftulaet (a),Voogt en Momber des Stiehts, en hebben hem gezet in de bezitdnge van alle de in-' komften , renten , fteden , floten , en 't gebruik der kerkelyke goederen. Waar om hy aanftonts gouc geld heeft doen munten , welke Poftulaets guldens genoemt zyn.
De Biflchop van Spiers heeft, alvorens de aan-
geboode waerdigheic t'aanvaarden, eenige afge- zonden naar Utrecht, om re verneemen naarden toeflant der kerke: doch bericht bekomen hebbende van den grooten tweefpalt,zoo onder onder de Gee- ftelyke als Wereldlyke , en dat de inkomften dep kerke reets overgegeven waren aan Rudolph van Diepbolt, heeft hy licht begrepen, dat hy niet ge- makkelyk in de vreedzame bezictinge van het Bis- dom zoude konnen komen, waarom hy begon te luy-»
fte-
iq ....
(i) Zoo verhult het Revius in Hiftoria Daventriae lib. I,
p. 97.
(i) Schoon hy wettig door de meefteftemmentot Birtchop
was benoemt , wierd hy echter geen verkoren Biffichop, of, zoo als Jan van Beyeren, eer hy afftant dede van den Luyk» fchen myter, EleS genoênit , om dat hy als Prooft van Os. nabrugge en Canonik te Keulen, aan die kerken verbonden, dezelve niet mocht verlaten , en tot cene andere overgaan , ten zy met bewilliginge van den Paus, aquopoflulanduserat^ van wien hy verzocht moeft worden, en daarom wierd hy foftulatt genaatnt. Ziet Matth. i. Fundat. Ecckf. 20. & H. 4e Nobilit. +6.
T
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
UTRECHTSCHE 1424.
fteten naar de aanzoekingen van den Domprooft
Zv/eder van Kuylenburg. Deze, zeer begeerig om den Ucrechtfchen Stoel te beklimmen, boodt den Biflchop van Spiers aan de Prooftdye van den Dom rqet noch eenige andere geeftelyke beneficien , in- dien hy afftaande van de voorzieninge,welke de Paus op hem gedaan hadde , wilde uitwerken by den Roomfchen Stoel,dat de Bjflchoppelyke waerdig- heit aan hem wierde opgedragen. Dit verdrag heef t de Biflchop van Spiers aangegaan (i), en heeft de Paus deze ruilinge goetgekeurc, endus-Zwökr va» Kuylenburg met het Bisdom voorzien.
De Regeerders dezer Stadt, tydinge krygende
van deze voorzieninge , hebben nevens d'andere Steden van het Sticht, zich daar tegen gezet» en geappelleert aan den Stoel van Romen, gebrui- kende tot redenen van hun hoger beroep, eerft , dat Z-voeders ouders, voorvaders en broeders ze- dejt dertig jaren openbare vyanden waren geweeit en noch waren van de Utrechtfche kerke, fchoon zy , wegens de goederen , die zy van de kerke hielden, aan dezelve verbonden waren, zonder dat Zweder , zoo lange hy Domprooft geweefl was,
zulks
(i) Schoon de Utrechtfche Stoel aanzienlykerwas, en ry.
k«r inkomften hadde dan de Spierfche, heeft hy echterwys- felyk gedaan van te behouden 't gecne hy hadde, en dit ver. drag aan te gaan, te meer, dewyl hy reets een out en bejaart man wa«, volgens het getuigeniffe van Hernuunus Cornerus in zyne Chronyk, te vinden by Eccard Corp. Hiftor. medii aevi torn. n. p. izóo. Zoo hy te dier tydt al hoog vanja- ren wat, moet hy tot eenen grooten ouderdom gekomen zyn, vermits fcy in het jaar 1439. eerft geftorven is, volgent d* Chronyk vau de Bifichoppen van Spiers by den zelven Ec- card pag. az?;. hebbend» 43. jaren Biflchep van Spiers ge. weeft. Ziet ook pag. 2*76. alwaar 1430. voor 1439, ftatf, doch dit is eene klare drukfout. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1424. JAARBOEKEN.
zulks belet of verhindert hadde. Ten tweeden ,
om dat Ziaeder'm den jare 1406. Joban van Boef" lant Priefter , dienaar en Schryver van den Paus, door den Paus voorzien zynde met een Canoni- caatfchap in den Dom, jn des Paufen maand open- gevallen zynde, met geweld geweert, en des Paus brieven uit zyne handen genomen en gefcheurt hadde, en dus ongehoorzaam was geweeft aan de beveelen van het Hof van Romen. Ten derden, om dat Zweder door flingfche wegen aan deProoft-^ dye van den Dom was geraakt, door Simonie, by de kerkelyke wetten zoo ftreng verboden. Ten vierden, om dat hy zich verbonden hadde met de Meeren van Egmond, Stadts en Stichts dodelykö vyanden,die eenen onverzoenlyken haat tegen de- zelve hadden opgevat, en dagelyks bittere vyand- lykheden tegens hen bedreven , verzoekende dac de Paus om deze redenen van die voorziening® wilde afzien, en dezelve nietig verklaren. Ter bevorderinge van dit hoger beroep , zyn eenige afgezonden naar Romen, waar van de voornaam' fte was Rays Doggert, meefter in de vrye kunfteni en geneeskunde, doch welke te Romen gekomen zynde, nauwlyks gehoort, en zelfs fmadelyk ge- handelt zyn, zoo dat gemelde Rays Doggert in de gevaogeniiïe gebracht, daar drie dagen, als een; misdadiger in heeft moeten leggen.
De Raadt dezer Stadt zich dus voor Rudolpbvan
Dlepholt verklaard hebbende, heeft zelfs geit mee zyn beeld laten munten, Poftulaeten (i) genoemt, en toegeftaan, dat hy des Geftichts renten zoudo genieten , ook zich verbonden hem hulpe en by» itand te lullen toebrengen; doch voorzichtiglyk
(i) £ict Mutth. n. de Nobil. p. 71}.
Ta
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
UTRECHTSCHE 1424.
èefloten; dat zulks zoude moeten gefchieden bui-
ten lafte der Stadt, en mit fulke voerwaerde , dat die Poftulaet binnen der Stat van Utrecht, noch in den viere des Gefticbts floten, alfe op ter Hor ft, op Stoutenberch , vp ter Eem , ende op Vredelant, niet c omen en fal, ende daer f all bi fine eet toe doen. Zoo nochtans dat deze overdragte verandert moch- te worden by goetdunkens 'sRaads out en nieuwe en der gemeene gilden, en heeft de Raadt eenige tydt hier na , te weten des E^ingsdags na Poncia- ni, nader zich verklaart, in dezer voegen: op ter voer overdrachten V Raat s out ende nywe , tiail die Raet out ende nywe die in hor e machten houden; mer fy en feilen genen heer in des Gefticbts floten laten comen, eer hy geconfirmeert is. en ivorde ye- mant anders , die onje vyant geiaeeft is, ofdi onjé nabuer ivaer , off e yemant anders geconfirmeert, daer ynne jouden tvy onfen Heer den Poftulaet be- jïandich ive/èn, en de daer ynne te hulpe comen, al- fa lange als -wy dat mit rechte doen mogen.
Jacob van Lichtenbirch heeft , als algemeene
Stedehouder , de Capelle van Valkenburg byLey- den tot eeneParochiale kerk verheven.(i)
Eenigen tydt voor den ingang der jaarmarkten (a)
binnen deze Stadt was de Raadt gewoon hunne
bor-
>
(i) De brief hier van heeft Matthaeus uitgegeven tom.vi.
Anakö. p. 118.
. (z1 Deze jaarmarkten zyn al van oudetyden in deze Stadt
gehouden, waar van tot bewys ftrekt de brief door Biflrhop Godebout MI den jare 1117. gegeven. Welke uit het Latyn in het Duitlch vertaalt , in onzer btadts Copieboek ftaande, aldus luid:
In de^i name der heyligher ende onghedeylder drievou-
,,.dicheyt, des Vaders, desSoens, ende des heyligen Gheeft
a, Amen. Kont (i allen Rerfteii ghelavigen, luqen > beyde
, die nacomench iun , ende nu furi, hoe dat ie Godelwat,
» v»"»
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
1424- JAARBOEKEN. 203
borgefs en onderzaten te gelaften op die tydea
hunne koopwaren op geene andere markten te bren- gen , of van andere markten te halen ; doch zee-r ftrekte het ter begunftiging der markten , voor al der heeften markten, indien de Biflchop de inge- zeetcnen in het Sticht diergelyk bevel deede. Hier van hebben wy een voorbeeld in dit jaar, iri welke de algemeene Stedehouder en Ruwaarden
der
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
» van der ontfarmarhertich Goeds Biflcop onfer Stat van
;, Utrecht , befettende ghemene oerbaer , vier principale marften> die men bi ons elx jaers hout , om bede eenre- >, hande onfer borgher deylen wouden , alt m onfer vrou- » wen daghe nativitas, ende in der foeften van finte Mar- 5, tun bi der pywer grafte, die coeplude gheherbercht fou- den werden , aldaer marfte te hantieren van horen cope- i, liken dinghen: ende die andre marcten tot tween tiden, j, als in den Paffchen ende 'funte Johans miffe in 't nedrrfte j, deel der Stat , die men heet Scache, daer tfamen te cp. j, men. Doe defe onfen wille wederriepen dat meeftc deel )i der Stat , ende alle coeplude ende aller onfer voerfaten, >, ende hare tidein fcachen fteghe vier maróten, die wi voerr >, ghefeyt hebben ruftelike ghebleven rechtelyc ende redelyc 5) prysden , te leften om beden der Hertogen van Loeven-, j; oec bi Godevaerde ende Herman van Chuken raet te far s, men , ende anders onfen trouwen luden , dien dit goet »> dochte: ende oec want aldaer in defer fake die rmfe vafter 5 ende betymmerliker waren: rner oec want die Stede ons )> bequameliker dochte, fo hebbe wi dat verleendt, alt voet » een fegghen, ende om behoefte der coeplude te hebben, j> gheliken als fi ghehadt hebben tot defer tyt toe , (onder » onfe wederfeggen voertmecr, fo waer fi willen te herber- :j ghen, ende ftadighe comanfcap te driven, oorlof te heb- >, ben. Op dat dit vaft ende onghefcoert bliven moeghehier j) namaels , fo hebbe \vi defe charte doen befcriven, ende j, mit onfen inehedruften zeghel gheboden mede te vefteh. j) In ghetughenifle defer dinghe,fo waren vele wittaftighe tu- ,, ghen bi Clerken eeröende vrye leeke, endedienftmanne,. >, Proelt Menged, Herman Proeft van den Berghe (l), Proeft
LUC
(i) Deze word in den Latynfch") brief niet genoemt.
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
UTRËCHTSCHE
der kerken en 's lands van Utrecht, verboden
hebben, dat niemant oit het Sticht op Afchelwoens- dag, een dag voor of na, tot eene andere markt buiten de Stadt zoude mogen trekken, kopen of Verkopen , halen of doen halen, beeften, of an- dere goederen, op verbeurte vanvyftigVrankryk- fche fchilden , 't welk de Raadt by klokluidinge
be-
LuchartiProeftGheraert,ProeftHtrm/tn; Dekene, Luk-
eert , Otto , Ltttzp, Waffo: Clercken, Adtlhaert, Sy ,, mon: Vryen, jbnghe Hertoghe Gadevaert Greve van Hollant, Dyrc Greve van Utrecht (i), Dyrc, Godevaert ende Herman van Chuite , Aernt van Grimbergen , Hei- j, man Dircifoen; Dienftmaimen, Aernt Caftelleyne, Alfa Scout , Gheryt Tolner , Herman, Roelof, Aernt, twee gebroeders Mentete ende Goeitvu» van Maerfen , Begiet j, ende Zaffic Herboert , Herman Albeye , Soudewun de J} Goutfmit , Cleynt Zaffe , ende anders vele, die wi, om >, die zake te corte , nyet befcreven en hebben. , Ende dit is ghefciet int jaér ons heren ontfanghenifle dufent hon- dert zeven ende twintich, die vyfte indiftie, regnerende j, haren Lotbarys int jaer fyns ryca dat derde jaer, intjaet des Bisdoms Heren Godebout xm. Ghegheven t'Utrecht 3, des zeden nonas van Oftober gheluckelyk in Chriftus na- ,, me, Amen. (t)
Naderhant vinde ik de jaarmarkten bepaald tot drie, en
leze voor in het Buurfpraakboek van denjareijpó. Ao. 1378, des vridaghei voer zinte "Urbaens dach , wart dit punt, dat bier na befcreven jlaet, overdragen bionfen Heer van Utrecht by out Raet ende nywe , ende mit gbemeenre morgen/prakt van allen gbilden.
Gi goede Inde van den gbilden , die Raet out en Je nyuit
doet u te vitten , boe dat /? om orbaer der Stat, ende dei gbt- meen caopmans, overdraghcn z.yn mit en/en beer van Utreebt, of ter gbilden verbeteren , dat me» van defer tyi voort jaer.
tif
(i) Vctftaa hier door Burggraaf van Utrecht, Van dit Burggraaf-
fchap kan men omftarmig bericht vinden by der» Htei »»n de W«ei in hè: Utt. Placcaatb. III. Deel. bladz. 47.
(l) In het Laiyn is dezelve door den Heer Diabenbotch in zyn aan-
lungzel op de Keikciyke Outhedtn biaii», 196. uitgege»ea. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1424. JAARBOEKEN. 295
bekent gemaakt heeft des maandags na S. Mathys
dag, met deze aanmerkelyke woorden : daerom iiaaernt de Kaet enen ygeliken in den Slicbte geze*- ten (i), dat fy den Vicarius ende de Kuiaaerden in dejen horen verbode geboirjam fyn , ende daer niet tegens en doen ; want die Kaet den Vieanus ende de Kuiaaerden voirftreven bier ynne bebulpicb
end&
lix drie vrye jaermarïïen houden ztl binntn Utrecht van al-
Jen ghoede , ende elke raarfie at l hebben drie togheldagen: en- de die ter f e marBe ze l ingaen op Jinte Viitoors avant naeft- comende , ende die drie togheldagtn zeilen toizen die terfe drie daghi na zin te Viffoors dacb. die ander mar He zei /'» gae» op ten Palmavant daer naeftcffmende , ende die toghtl- daghe zei f en weze» die eerjle dre daghen na Palatdach: en- de die derde raarcte zei ingaen viertiea daghe voer PinxtereH daer nneftcoraeNde, ende die toghetdaght zeilen ivezfn die eer- jle drt a<ighe voer ons Heren Hemelvaertsdach ende alfa voort jaerlix. Ende a! die ghene die hier ter marEten comen, zei- len hebbfn een gboettrye gbeleyde van onfen Heer va» Vtricht, ende -van der Stat, veylicb te varen ende te keren in der Stat ende in den lande van Utrecht mit horen live ende mit horen ghoede, Snerende achte dógbe voer , ende achte daghen na, na el.(en iermine voerfcreve. wtghenomen, of jemant binnen defer voerfey der mar Hen tnisdede , ende tvtghtnomen die ge- ne, die ballinge of vredeloos gheleyt fyn derStat oftedes lantt van Vtrtcht > ofte die ons Heren van Utrecht ofte der Stat wande zyn. behvudeliken onfen Ut-e <van Utrecht , ende f.nen nacomelinghen BiJJioffen {'Utrecht hore tol/en, endi at hoere tollen, ende ai hoer rechts, ende der Stat van Utretfa al hoer recht*
Hier uit kan men licht opmaken , dat de Stadt het niet
den Biflchop eens moefte zyn , xvilde zy hunne markten zien bloeyen ; want vreemde luyden zouden met hunne koopwaren geweert , en dus belet konnen worden de Stadt te naderen, zoo zy door den Biffchop geen vry geleyde in het Sticht hadden verkregen, aan den anderen kant \vierd 's Biflrhopi belang zeer bevordert, met betrekkirge tot zyni tollen , indien ve*le kooplieden uit andere landen tot dez« markten kwamen , en dezelve bywoondes.
(i) Niet alleen hunne bofgefs efl ónderfate'r), Iflaar eeft
iegefyk, die in het Sticht woonde.
T4
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
UTRECHT S HE 14*4-
iende biftandicb -vaefen feilen die koren yn t e winnet,
van den:genen, die fy verboirde, ende die RaefaJil hier op doen waerden an allen eenden van den lan- de ende gedichte, om die bruekige te weten ende u becoren.
\ De Wybiffchop door de Overften dezer Stade
Verzocht zynde om 's weeks na Paeflchen hetvorm- <fel in de Buurkerk om.Gods wil te bedienen, wier- den Stadts knapen , dat is Deurwaarders en Boo- den , gezonden in de kerk, zoo oni het gedrang des gemeenen volks te beletten, als om te bezor- gen dat alle ongeregeltheden geweert en verhin- dert wierden, en wierd het volk ërnftig gelaft, de jknapen gehoorzaam te zyn, en hen noch met woor- den , noch met daden, in dezen hunnen dienft te misdoen, noch te miszeggen , onder bedreiginge Van fwafe ftraffe.
^ Ik hebbe hier boven bladz. 102. aangemerkt,
dat de Geeftelyke rechter, Officiael genoemt,veel- tyts en in verfcheide gevallen, zyn rechtsgebiedt öeffende over wereldfche perfonen, waar by ik nu Voege , dat een borger eenen anderen voor de Geeftelyke vierfchaar trekkende, het den verweer* der vry ftont, indien hy onder den Geeftelyken rechter niet wilde ftaan, een libel van dien rech- ter te eiflchen ,en 't zelve over te brengen aan den Raadt dezer Stadt, met aanbiedinge van zyn ge* fchil aan hen te verblyven. En zoo wel! als de Raadt tot alle zaken eenige uit de hunnen afzonderde , om des te beter kennifle te nee- jnen , en te können oordeelen , zoo waren ook tot d.en einde twee uit den hunnen gefchikt, om 't geen op die wyze aan hen kwam, t'on- derzoeken. Deeze wierden genoemt Libel-
mee*
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
4444- JAARBOEKEN,
|
||||
|
|
|||||
|
|
(i), aan welke , volgens het befluit des
Raadcs 's woensdags na Agathe in dit jaar geno- men, door den brenger des libels, alvorens zy het aannamen , moeft gegeven worden een take wyns, en waren deze Libelmeefters verplicht , eer zy af- gingen , de zaken , zoo voor hen gebragt j te ein- den, dat is, wel onderzocht zynde, daar van be- richt te doen aan den Raadt , op dat die hunne ukfpraak daar op konden doen. En deden de Li- belmeefters dit niet op zyn tyd, zoo waren zy ge- nootzaakt het geld van de take wyns, by hen ont- fangen , over te geven aan die Libelmeefters , die hen opvolgden.
Op dat die buiten de Tollefteeg' poorte in Stads
vryheid woonden , de poorten , bruggen en graf- ten, door de Stadt gemaakt, zouden konnen on- derhouden , heeft de Raadt op ten anderen Vry- dag in Meye eene oude gewoonte en herkomen beveftigt , met deze woorden: Dis Kaet heeft ter waerbeit gevonden, dat het heeft aloeck eenoude ge- ivoente geweeft , ende een out baercomen , f b ivye dat in den Geretbte van der Tollenftege mitter ivoen foemt , die fel daer yerfte zweren der Stat van Utrecht , ende den menen gilden van Utrecht , ende den buren in den Tollenftege , bout ende trouwe te wefen , ende fal geven den bueren in de Tollenftege een Stat pont , ende fo Joude de Stat van Utrecht verantwoirden voer horen onder faet , al/ b lange als fy daer woenen: ende die gene, die fo arm ivaren\ dat fys niet en vermochten , die en foude geen geit geven , mer fy /'ouden horen eet doen. ende anders
T 5 > fo
(i ) Het ampt dezer Lilelmeejters heeft de Heer Griffier
van dé Wat'êt klair én net, Volgens zyne lofFelyke gewoonte , befchreven in het Utr. Placcaatb. III. Deel black. 241. |
|
|||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
U T R E C H T S C H E 1424.
fo en hebben die buer geen renten, daerfy mede hou-
den moeten vyfpoirten, een brugge, ende twee graf- ie» , die bent die Stat voer gemaeiï beeft, ende hier valt hem gebreck ynne, dat hem dit niet gefcbien en mach.
Hier op beeft de Raet gefleten, dat die buer in
den Tollenflege by defe hor e rechte bliven feilen.
Ik hebbe dit niet willen overflaan , op dat men
hier uit zoude konnen weten het getal der poor- ten in de voorftadt ftaande, welke, benevens de brugge en twee graften, uit zulk eenen geringen inkomft door de bueren moeften onderhouden wor- den.
Wonderlyk is my voorgekomen 't geene geboekt
ftaat in 's Raads boek, des woensdags na alre A- poftelen dag: Want Jan van Tyel by ivilen wt/in- nicb, ende Jynre fynnen onmachtich is, ende irt/ulc- ker onfynnicbeit den luden mit meffen, ende ander wapen, grotelic geanxt, gevreeft ende oick gekwetfl heeft , daerom hebben Soepen , Kade ende Ouder- mans eendracbtelic overdragen, oft zake waer, dat yemant van de/èr tyt voert fyn bande jloegeanjoban voirfcreve, ende van live ter doot brochte, dat God vcrbuede , dat nyemant dairom noch fyn lyf^ mcb de Stat, noch fyn borgerfcap verbueren en fel in eniger ivys. Schoon in dezen tydt het Dolhuis ter verzekeringe van zulke ongelukkige menfchen noch niet gedicht was, zoo is het echter zeer te mispryfen , dat een menfch,door krankzinnigheit zulke groote buitenfporigheden bedryvende, niet uit de zamenlevinge der menfchen weggenomen, geboeyt, en in eerte verzekerde plaats wierd ge- bragt, om alle gelegenheit van andere te befcha- digen hem te beneemen. Want deze ftraffeloos- heic te willen bepalen tot het geval, als die uit-
zinni-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1424. JAARBOEKEN. $99
zinnige met een mes of ander wapentuig iemand
aanvalt, heeft zyne bedenkelykheil, om dat het niet alleen geoorloft is den genen, die eenen anderen vyandelyk met een mes of ander geweer aandoet, te wederftaan; maar dat zelfs een ieder verplicht is, tot zyn eigen behoud den aanvaller tegenweer te bieden , zoo dat, indien hy hem kwetfte , ja zelfs het leven benam, hy niet als een doodflager kan geftraft worden. Dus fchynt het Raadsbefluit dit geval niet te bedoelen, en dewyl zoodanig een onzinnige kinderen, oude luiden, vrouwen, ge- brekkelyke , en andere onweerbare tnenfchen , konde aandoen, kwetzen, ja zelfs doden, en dus de Stadt beroven van goede en nutte inwoonde- ren, zoo was het de plicht der Regeerders, zorge te dragen , dat deze onheilen wierden voorgeko- men , door den krankzinnigen te kluifteren; te meer , dewyl de ondervinding geleert heeft, dat zulke ongelukkige menfchen van die ziekte koünen genezen en herftelt worden.
Wy hebben hier voor, meldende van hetvredes
verdrag met Hertog Jan van Beyeren en den Her- tog van Gelre aangegaan, vaft geftelt, dat de Stadt volgens het getuigeniflfe aller fchryveren , eenig geld heeft moeten geven aan Hertog Jan van fieyeren, en dat, om dat geld te vinden, eenige fyfen zyn verhoogt en ingevoert. Hier van vinde ik gewag in het Raadsboek in craftino Viftoris. Nu na den eten wil -den Raet van der Stat verco- fen onfer Stat maentfyfen van delefte vier maenden, na der nyvaer ordinantien ende overdrachten '5 Raets out ende tiywe, ende der meenre gilden, dat is te weten den wynfys van elker amen, die men tap* pet, V geit van achte take wyns , als men den -wyn verkopen feil: den Hoppenfys, van eiken vate twe
font.
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
Soo U T R E C H T S C H E 1424-
pont. dat tonnegelt van eiken vat e vyffcellingen. den
Jmhrou-wenfy s van eiken vale een pont; mi f dustansgen 'verwerden , dat men van den Hoppenfys ende Im~ èrouvuenfys een redeltke ridinge nu Jétten f al. ende die ridinge en felmen niet vermeeren defeviermaen' den w?, mer die vafte houden; tbenwaerofter enen kenliken opflacb quame in den koorn , fo joude die Raet die ridinge bogen redelic na den opflacb van den koorn dele vier maenden wt, al/o dat bem den tappere ende die Brouwers behouden mogen.
Dat de Brouwers niet mochten het bier brou-
wen en verkopen naar hun goetvinden, zoo als in onze dagen de kwade gewoonte is, maar dat zy aan cene gezette rydinge gebonden waren , hebbe ik hier voor reets aangetekent, en zal in het vervolg noch nader daar van moeten melden. De borgers Waren ook niet verplicht hunne bieren by de Brou- wers te kopen , maar konden , zoo zy wilden , zelfs brouwen , voor zoo verre zy het zelfs ge- bruikten , mits daar van gevende zoo veel fys, als de Brouwers aan Stadts Sysmeefteren betaalden , en heeft de Raadt in dit zoo evengemeld befluic verboden de borgers hier in eenig belet of hinder te doen, op verbeurte van vyftig ponden.
Jan en Gysbert van Nyenrode hebben de Land-
genoten van de Lange Vliet verzekert, altoos te zullen konnen uitwateren in de Waterfchap van de A. zoo als men zien kan in't Utrechts Placcaetboek II. Deel p. 132. :
i 4 a. 5.
In den jare 1425. is op den gewonen tydt de
Regeering aldus gcftelt:
-.. u ......
... i Sche»
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1425. JAARBOEKEN. 304
Schepenen.
-
Willem van Winfen, Borgermeefter.
Jan van Lichtenberch.
Willem van Alendorp.
Godèrt de Coninc.
Jan Sloyer.
Egbrecht Paelvoet.
Jacob de Voecht.
Henric Vrenck.
Willem van Gent.
Johan van Amerongen.
Jonge Vrederic van Drakenborch.
Henric Trinde.
-
Raden-
'
Herman Zittert.
Geryt Knyff. Willem Henrix zoen. Lambert Peters zoen. Henric Jacobs zoen. Peter Kalle.
Beernt Proys, Borgermeefter.
Peter van Kryenbroeck. Vrederic de Witte, Henric van Scalcwyc. Marten van Endoven» Henric Staeck. Huge Grawert. Timan van Hamerftein. Geryt de Keyfer.
Herman Weflels zoen. , .
Johau van Jutiaes.
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||
|
|
Soa UTRECHTSCHE
Peter Grawert.
Geryt van Benfcoep, Jan Schot.
Henric van Loenrefloet.
Geryt Bolle. Gerbrant Spiker. Eerft van der A.
Oudermannen.
Pilgrim de Wael. , ,,r fC .,
Willem Schade. > Wantfmders.
EgbrechtvanGroenenberg.7 Snid
Henric Stamer.
Loeff Hafert. , Backers
JacobvandenBofch.-f mcK(
Ghifebrecht Slufeman, } Molenaers. Geryt van Maerfen. s |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
Claes Otten zoen. > V/M,
Wouter Hermans zoen. > Vlfchc°Pers' Johan de Wit Henrix zoen. > LouwerSi( Herman Claes Brants zoen. * |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
Z,e
Steven Stevens zoen. -i «., ._ij,
Johan Ewout Ghifebrechts zoen. * Botterl^en'
Roelof uten Elswer. -j n , .... Willam de Witte, > Cordewanjer».
. ' -:
Geryt
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
||||
|
|
i4»5- JAARBOEKEN. 303
Geryt Scillinc. i r» j
Gheryt Schout. > Oudecordewamen.
Tohan Taets. T ^
Boudekyn Wimkens zoen. > Corencopera.
Meyfter Aernt de Verwer. » c ,. , Peter Hubrechts zoen. > Steenbicken.
Willem van derMeern.-i ^ , r .,
Timan Vos. > Oudewantfniders.
Matheeus Pot >
Jan VuyiHnc. >
Henric Ram. -> -
Willara van Dorflchen
Michiel Scrodekyn.
Geryt van Vloeten Timans zoen.
RoeloffTideman, OverfteOuderman.-i
Heyman de Gruter. f
Willem Jans zoen. -, 7aH ,
Henric de Hafe. > ^adelaars.
De Raadt heeft hunne voor overdrachten omtrent
het verbodt aan hunne borgeren en onderzaten van andere Heeren klederen, rok of caproen te dragen, vernieuwt. Men kan hier op nazien't geen wy hier boven bladz. 95. hebben aangetekent.
In het vorige jaar hebben wy gezien, op wat wy-
ze de Raadt dezer Stadt zich verklaard hadde voor den Pojlulaat. by dat befluit heeft zy niet alleen volhard , maar den 22. Maart zich nader en ver* der geuit, en eendrachtig verftaan , de provifie of confirmatie des Domprooft te weren, met regte, zo lange als konde. ende nyemant van onfen borgeren ende onderjaten en [ellen daer tegens raden, daaen> fchrhen , runen , of tegens doen in eenigerwys , mer bier bi bliven eendrachtelic. ende yetnanï van den Rade out of nywe , of van onfen bgr-geren, dit |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
go4 UT R ECU T SC H E I4a5.
dit verbrake ,4ie foude fyn borgerfcap verloren ende
een jaer uier Stat we/en, ende eenicb onderjaet, die dit verbrake, die [oude vyfjaeruter Statiüèfen^i^. Doch weinig uitwerking heeft dit befluic gehadc, dewyl zy noch in dit zelve jaar den Doroprooftvoot Biflchop hebben moeten erkennen , zoo als wy ftraks zien zullen.
Sweder van Cuylenburg , de voorzieninge-van
het Bisdom van 't Roomfche Hof verkregen heb- bende, heeft door fF'outer Grawert, Canonik van S. Jan, zynen gevolmagtigden, in een gemeen Capittel doen vertoonen de bulle van Paus Martinus den vyfden, van zyne verheffinge tot den Bifichoppely- ken myter, als mede de brieven van denzelven aan de Capittelen en de Clergie van Utrecht, als ook aan den Aartsbiflchop van Keulen en anderen ge- fchreven (a), hen alle bevelende gemelden Dom- prooft voor Biflchop aan te nemen, en te gehoor- zamen. Welke brieven in het Capittel gelezen zyn- de, heeft de voorgenoemde gevolmachtigde ern(lig geëifcht, dat het gemeen Capittel denDomprooit voor Biflchop wilde erkennen, en hem in den na- me van zyn meefter in de bezittinge ftellen, met die plechtigheden , waar mede men gewoon was eenen nieuw verkoren Biflchop in te huldigen, be- ftaande ra het doen plaats nemen in des Biffchops Stoel, zoo in 't groot Capittelhuis, ajs in hec Choor van de Domskerk , in het overgeven der ... . . '.. ze-
(i) ïn.dft befluit jfiet men onder anderen een merkelyk
Onderfcheit tuffchen bargeren en onderfaten , wordende de iorgeriindien zy tegen 't zelve iets ondernamen, of deden , in de Itraft'e gelyk geftelt met die van den. Raadt, daar da enderfaten l waarder beeteringe moeften ondergaan.
(2, Dezelve konnen gelezen Worden by Mattht toin* »x.
A n al. p.- ÏJ4. & feqq. -.: V |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1485» J A A & B O Ë K E N. 305
zegelen van den algemeenen Vicaris en Öfficiael, en
de fleutels van het Hof, en hem te doen brengen in 't BhTchops hof. De Canoniken eenigentydtvan beraad genomen hebbende , en ten dien einde in het klein Capittelhuis , naaft het groote gele- gen , gegaan zynde, en wederom m t groot Ca- pittelhuis gekomen zynde , heeft het Capittel van den Dom geantwoord, bereit te zyn te gehoorza- men aan den Pauflelyken wil, behoudens hunne rechten, en dat die plechtigheden verricht wierden door hunnen Vicedeken uit name der ganfche kerke, beweerende dit voorrecht den Vicedeken toe té komen, protefteerende by ontftentenhTe van dieft van het ongelyk, dat hunne kerke zoude worden aangedaan. De andere Capittelen hier weinig acht op flaande, hebben ingewilligt het verzoek des Paus, en hebben den gevolmachtigden geftelt in het groot Capittelhuis op dien Stoel, waar Op de Bifïchop gewoon is te zitten , en gelaft Jan de Wit Deken van S. Marie hem uit hunnen naam met de gewoone plechtigheden in het bezit te ftel- len, welke met alle de Prooften, Dekens en Ca- noniken der vier kerken hem geleit heeft in de Domskerk , doch komende aan het Choor, en 't zelve gefloten vindende, hem voor het Choor op het autaar van het kruys geftelt, en van daar ge- bragt in het BuTchoppelyke hof,eneeneBiffchops muts op het hoofd gezet, ten teken van de we- zentlyke bezitneminge des Bisdoms, en alle rech- ten daar toe betrekkelyk zynde. Doch dewyl de Biflchop te zyner inhuldiginge nodig hadde de .gunft der Regeerders Van de Stadt Utrecht, mo- gende in de Stadt niet komen ten zy met vry 'geleide, zoo heeft hy alle middelen aange- wend om dié op zyne zyde te trekken, en dewyi
V hy
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
UT&ECtlTSCHE 1425.
.
hy ondertuflchen het flot ter Horft in zyne macht
hadde gekregen, en volgens het getuigen van Gout! hoeven te Rhenen en Amersfoort (i) was ingela- ten , heeft de Raadt goet gedacht met hem te han- delen , en zyn zy met hem over een gekomen, onder de voorwaarde vervat by dezen brief, <k>or Ziüeder ukgelevert: (2)
Wy Zweder bi der genaden Gods Eleft van
Utrecht, ende confirmecrt van den heyligen ftoel van Romen, bekennnen nik dezen opene brieve , dat wy mogelitee gehouden zyn, entle gehouden willen wezen tot onfer liever Stadt ^ Van Utrecht /omme die zelve onfe Stadt rak onfer gunften ende gracien gueteliken to ver- volgen , ende to bet tot ons to trecken mk alre vrentfcappen, alzo dat wael betemet, endebe- tioirliken is: foe zyn wy by rade onfer Rade en- de vretrde, ende ter hofere, vrentliken overoo- men zulken punten, articulen -ende zaken, als ,, hier na befcreven ftaen.
In den eerften,want zeliger gedachten Heer
Vïederycs van Blankenhem BifTcops to Utrecht, Onze laetfte voirvader , voir hem ende zynre kerken rechten ende vorderinge belieft ende ,j gevefticht hadde , alle rechtvorderinge, gee- 'ftèlick ende weerlick , alle banninge ende wt-
» fet-
(i) Hy hadde al den 19. Julyaandie van Amersfoort gegeven
twee brieven, te vinden by Matth. rer. Amersf. Script, p. »8i. & z8z. byde eerftehenkwytfcheldende alle de breuken tegen hem begaan, en by de tweede alle hunne rechten en privile- giën eonflrinerende, en brengt Matth. d$ NobiL «t. <:ap. i, noch eenen brief-, den volgenden dag gegeven,, te voorfchyn , waar by hy aan die van Amersfoort beveiligt de privilegiën do* de Biflchoppen Willem en Henrik hen voortyts gegeven.
(i) Ziet Mafth. tóto. ix. Anal. p.^oi.
:'-. , . |
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
JAARBOEKEN.
fettinge, gedaen ende gefchiet van alle den ge-
nen , die wt onfer Stad van Utrecht omrne hore
breuken wil gebannen ende wtgezet zyn, ge-
hejen die ballinge, mit zynre kerken off zynce
Stad voirfcreven fententien off overdrachten ,
geeftelick of weerlick, die vafte ende ftede ge-
houden heeft, of hy die alle zelve gedaen had-
de, ende heeft die verantwort ende vervolght
eerft voer den alre duerluchtichften Heer den
Roemfchen Koninck, onzen genedichften Heer,
,, ende dair na voir onzen hiligen Vader den
Paeus , ende dair zyn Procuratoers gezet ende
gemachticht, ende heeft die zaken doen vorde-
ren ende vervolgen, als zyn ende fynre kerken
zaken , tot in den eynde zyns zeligen fterffda-
ges , alze wi hier off wael mitter wairheit on-
derwifet zyn; fo willen wy gevolgich wezen
onzen voirvader voirfcreven , ende zyn getre-
den ende treden mit dezen brieve in alle den
zaken voirfcreven , ghelyck in alre ftad ende
ftede ons voirvaders voirfcreve. dat is. to we-
ten , dat wy alle de gcbannede off wtgezette;
voirfcreve wt onfer Stad houden ende belpen
houden zullen, ende onze Stad dairynneftarc-
ken, behulpich, ende biftandich wezen, in al-
len fchyn , alze onze Scad dat hair gebracht
heeft, ende dair ynne voirtgaen ende machtigen,
ende Procuratoers zetten in allen hoven voir-
noemt, ende anders dair des noots gebuerde
deze zaken te vervolgen , ende to vorderen in
der befter formen , geliken óns zelfs ende on-
zer kerken zaken, op ten voirfcreven onfer Stad
coft, behoudeliken, dat wy den zelven ballin-
gen onze gracie ende genaden doen mogen ,
' tlza wi hem in det laitiier zuenen tuöchen on
Va zen
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
'
-
.
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||||||||
|
|
308 UTRE C H T S-C H E 1425.
^ zen voirvader, zynre kerken , ftad ende ge-
ftichte op dieeenzyde, ende den hogeboirne Vurflen van Beyeren , ende van Gulich ende van Gelre Hertogen verdedinft hadden., die zy doe verfmaedden, ende buten der Vurften zue- ne onfer kerken, Stad ende Geftichtesvianden bleven, dat is to weten, fo wanneer die ballin- ge voirfcreve alle gader ende zamentlic zuencn by ons begeren , dat wy zy dan bezuenen mo- gen in zulker vuegen, dat zy dan oirvede doen zullen, ende buten der mile nae onzer Stadbli- ven, ende dair op op hoere goede bezuent wezen, diere alzo van diere tyt voirt to gebruken. En- de alle verlide gebuerde goede overmits derve- ten , zullen quyt ende doot wezen tot beiden zyden. Oick en zullen zy in onzer incoemp- ften niet ynne comen mogen, off nemant, dat hier off ruert, zonder argelift.
Voirt van der fcelinge, die noch wtftaende
is, tuflchen den lande van Gelre ende den Stichts van Utrecht, ende aller, dat dair van opftaen mach , dair zullen wy ynne treden, ende tre- den dair ynne voor ons, voor onzer kercken, Stad ende Gedichte, in allen fchyn, alze onze voirvader Bifïcop Vrederick voirfcreven in finen laitften dair ynne was: ende wy en zullen dair niet vorder ynne voirtgaen in eniger wys, off dair ynne doen, dan by rade endegoetduncken, j, onzer Ecclefien , Ridderfcap ende Stat voir- fcreven zamentliken. Ende want onze lant |
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
i->
>> >< » |
|
van Hagenfleln by onzen voirvader Heer Vrede-
rlc Biflcop voirfcreve onzer kerken weder an- gewonnen is, mithulpe, cofte ende arbeiton- zer Stad van Utrecht voirfcreve, die den coft |
|
||||||
|
|
|
|||||||||
|
|
||||||||||
|
dair off verleyt ende vervallen hebben , ende
on-
|
|
|||||||||
|
|
||||||||||
|
|
|||||||
|
|
14*5- JAAR B O E K E;NJ
onze voirvader hem weder geloift heeft dien
coft van die goede te betalen , nae inhouc der brieve , die dair off zyn , fo bekennen wy hem ende believen die renten to bueren tot hoere zommen toe na inhout der zelver brieve , behoudeliken ons, ende onzer kerken onzer hoger heerlicheit dierre lande te gebruken. ende mede behoudelic als depachtjaren wtzyn, dat men dan die goede vorfcreve voortaen by vrenden onzer ende onzer Stat ter befter orber verpachten zall.
Item zo en zullen wy op tes Geftichts floten
niemant brengen , dair dat Gefticht mede be-
laft ofte vervreemt werden mach van den floten
vorfcreven: ende bekennen mede dat die Ca.-
ftelryen van Vredelant, ende van der Eem mie
horen borgeren te bewaren , in handen van
onfer Stat van Utrecht ftaen: ende dat wy die
gewoentlikejairlyxfepenfien dair of zullen doen
betalen. Item zullen wy Heer Dirck van Zu-
/e«, Ridder, van den twe duzent oude feilden,
die hem onze voirvader ende onze Stad , als
van den huze tot Fredelant bezegelt, hebben :
ende Hubert Wolffvm. den toezeggen, dat hem
onze Stadt toegefeecht heeft, dair een open-
bair inftrument off is, voldoen ende ontheffen,
toe dat onfe Stadt vpirfcreve zonder fchade dair
of wezen fal; behoudelic den confentbrieffvan
den vyftien duzent feilden, die onze Ecclefie
bezegelt heeft,in fynre machte te bliven. ende
zullen oick den Caftelleinen in den floten des
Geftichts laten beruften thent diere tyt toe, dat
tioir nacomelingen borchzaten dair of gedaen
hebben na den inhout des Landbriefs ende ou-
der gewoonten.
|
|
|||||
|
|
V 3 Item
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
|||||||
|
|
||||||
|
|
tTTRE C HTS C HE
Item zó fcelinge is van der Stad fyfen van
+, Utrecht tulïchen onfer Ecclefien ende der Stade ;,, vorfcreven ,-dair ynne zullen wy ons tot redeli- ker fcheidinge duechdelyck bewifen voer rufte ende vrede der gelegentheit onzer kerken ende Stad voirnoemt, nae onzen beften weten ende vermogen.
Ende want onze Stad tegens ons ende onzer
gracien totten ftoel van Romen geappelleert hadden, nae inhout hoere appellacien, die fy ons to lieve ende omme te dancke to wefen, nedergeflagen ende ofgelaten hebben, fo heb- ben wy hem weder te lieve ofgelaten , verdra- gen ende quytgefcouden mi t dezen brieve alle wederrechten, zaken ende fprake, die hun van ons, ofte van yemant anders van onzer wegen gefcien zoude mogen, of dair of ruerende we- ,, zen zouden mogen : ende alle Rade, vrende ,, ende dienre , geeftlyck off weerlic onzer Stad voirnoemt, zullen dair off, ende van allen ho- ren Rade , dienfte ende vorderinge vorfcreve hier ynne gedaen, van ons, onzen amptluden ende vrenden, geeftlick ende weerlick, clairli- ken bezuent ende onbelaft bliven, ende wezen tot alre tyt. ende hier op fullen onze executoers nederleggen ende offlaten allen proceffen, brie- ve, ende geeftlike vorderinge van onfer wegen op onfer Stat vorfcreven, op horen borgereo of onderzaten gedaen, zonder argelift.
AJle deze voirfcreve pnnten, ende elcs be-
', zonder, hebben wy'Ztasdtr Ele6è vorfcreve ge- y, loeft ende geloven in goeden truwen onzer lie- ver Stadt voirfcreven volcomelic te houden en- de to. voldoen, fander al argelïfte. In kennifle hier of hebben wy onzen zegel by onfer r§cb-
n «r
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
^ ter wetentheit ende beveleaen4eze.nbne.ff doen
hangen. Gegeven int jair ons heren duzent vier hondert vyff ende twintich op ten zeftiendea ,» d.aqh in dar maent van Auguftus.
En twee dagen da$r na heeft hy Stadts voprrech-
ceti beveftigt met dezen brief: Wy Zweder by ,, der genaden Goids Eleft van Utrecht, ende .,, confirroiert van den Sjoel van Romen , doen cond allen luden , ende bekennen mi t dezep o.pen brieve, dat wy onfer Stad van Utrecht, ende onfen lieven bprgeren ende onderfaten der felver Stad alle 'hoir brieven, previlegien, rech- ten, vryheiden, wilkoren ende koren, die fy hebben of verqregen hebben van onzen gene- dichften Heeren , Keyferen , Roemfchen Ko- ningeq, ende van BifTqoppen t'Utrecht, pnfen voirvadercn , fo wie fy geweeft hebben, endp alle hoir oude haircomen , die fy van onfer voirvader tyden, ende van hoir oude tydenhair gebrocht hebben tot defen dage toe, confirme* ren, vaft enda ilede geloven te houden, fonder enige wederwoirde ofte werken, rait goeden truwen. In oirconde des brieffs befegelt mit onfen zcgell. Gegeven int jair ons Heren dufent ,, vier hondert vyffende twyntich,optenachtien- de dach in der maent van Auguftus.
Hebbende daags te voren de borgers van Utrecht
verzekert, indien zy bezwaart wierden van den Heer van Egmond , dat hy hen voorftaan en hel- pen zoude, (i) Deze zyne beloften van geene .wrake te nemen of vyandfchap te oeffenen op iemand van den Raadt, wegens hun gedaan be- roep
(Tl De brief hier van heeft Matthaeus uitgegeven tom.ix.
Anal. p. 307.
V
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||||
|
|
3i4 tf>T R E C FFT^C H E 14*5,
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
|
|
|||||
|
|
|
|
|
||||
|
roep aan den Stoel van Romen, heeft hy met eede
geflerkt. (i) En aan de Geeftelyken belooft heb- bende geenen oorlog te zullen voeren zonder hunne toeftemminge Ca.), is hy,niet op S.Laurens dag, als Heda fchryft, maar den ai. Auguftus in de Stadt Utrecht, vergezelt met veeleHeerenen Rid- deren , gekomen.
Doch zyn inkomft in plaats van vreugde in de
Stadt te veroorzaaken, is niet min dan blyde, maar droevig geweeft. Maar dewyl volgens het verhaal vanVeldenaar,dit oproer wel op dien zelven dag, doch na de inhuldiging voorgevallen is,zullen wy hem volgen.
In de Stad gekomen zynde, wierd hy ingewagt
aan de Borgerbrugge, door de Prelaten en Cano- niken der vyfCapittelen,by zich hebbende hunne Choor-jongèns , Zangers , en Scholieren , met kruizen, brandende waskaarsfen en het wierook- vat , welke hem van daar onder gezang leyden in t het groote Capittel-huys,en plaatften indenftoel,
waar in de Biflchop, als gemeen Caphtel gehou-
den wierd , gewoon was te zitten, en leyde hy daar af den gewoonlyken eed, welke uit hetLatyn vertaald aldus luit (3) : Dat zweer ik, dat ik myner kerke gerechtigheden otigefchonden be- waren zal,de vryheit van verkiefinge en exemptie, die het Utrechtfche Stift tot nochtoegehadten genoten heeft , noyt zal verbreken of toelaten verbroken te worden: dat ik door geen laftig ï? verzoek de kerke zal bezwaren, of laten bezwa-
ren:
., - .,..;,
(t) Ziet Matth. Ibid. p»g. jo8. & t. vi. Anal. p. 33*.
(z) Matth. d. J.
(3) Ziet Matth. 1.1. Anal. p. 289. torn. il. Anal. p.^j. ft
tem. }x. j». 301, |
|||||||
|
|
|||||||
|
|
|||||
|
|
-------
|
||||
|
|
|||||
|
|
14*5- 31 A A" RB--O-E--K E N. 513
ren: dat ik de floten van de Utrechtfche kerk,
,i die 'er thans zyn , of in't vervolg zullen zyn ,niet Vervreemden , verpanden of met fchulden be- fwaren zal, direél of indireft, maar defelve ten behoeve van de kerk, vry,zo ze thans zyn,ge- trouw bewaren: dat ik de goederen van de kerk, en allerhande bezittingen van myne voorzaten op my gekomen niet zal vervreemden , ook geene oorlogen zal aanvangen, zonder gemeene raad en uitdrukkelyke toeftemminge der Prela- ten en Geeftelykheit: dat ik niemand, die zulks op my mogte verzoeken, belofte doen zal hem by te fpringen tegen der kerken Leen of dienft- mantien, zo lang dezelve bereitwillig zyn om zich naar den raad der Prelaten en der Geeftelyk- heit te gedragen. Dit zal ik trouw en onver- breekelyk onderhouden. So moet my God met alle heiligen en de heilige Euangelien helpen!" Dit verricht zynde is hy gebracht inhetChoorvan de Domskerk, en aldaar geftelt op des Biflchops ftoel, en toen door alle de Geeftelykheit opgezon- gen den lofzang van Auguftinus en Ambrofius, Te Deum laudamus. Welke uitgezongen zynde, is hy gebracht voor het groote autaar in het Choor ftaande , en na het zingen van eenen tegenzang (annpbonie) na des Biflchops hof. Dus is -Zweder uanKuylenburg, die een zoon was van GevrtL^ den negenden Heer van Kuylenburg, en van de doehter van Jan van Egmond, met de gewooneipleehtig; heden, tot Biflchop ingehuldigd - ^dSïs^
Veldenaar getuigt wel, dat hy aan de Stadtook
ter zelver tydt'zynen eedt gedaan heeft, doch ik vin- de daar van niets iti onze Raadt-boeken,' fóhoon in't vervolg by gelegenheitderinkomftvaöandère Biffchoppen daar van gemeld wordt, waarom
V 5 ik
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
|||
|
|
3i4 U T R E C H T S C H E
ik ook tot dien tydt, in welke dat voorkomt, fparen
zal aan te tekenen de plechtigheden in het eedtdoen aan den Raadt der Stadt gebruikelyk. Ik geloof echter Veldenaar, te meer, om dat in het Manifeft der drie Staten tegen Svaeder uitgegeven, hy ge- zegt word tegen s es rechten en gewoonten der Stadt Utrecht ^door hem bezworen, aangegaan te hebben. Deze dag, die anders met veel vrolykheit door alle wierd doorgebragt, is niet zonder bloetftor- tinge ten einde gelopen. Heda in het leven van dezen Biflchop verhaald het op deze wyze, Ah £ijfcbop Sweder op S. Laurens dag ia de Stadt kwam, en naar gewoonte enige ballingen binnen een touw hem volgden , verrees 'er eene grote epfletnt, want het touw gebroken zynde, wierden ''er zomnii- ge dwdgeflagen, -welker doot de Biffcbop op zich nam, aanflonts eenige in den ban doende. Tot verftant van die gewoonte, moet ik den Lezer berichten, dat de Bifïchop geene macht hadde om die uit de Stadt gezet of gebannen waren, jn weerwil van den Raadt, wederom in de Stadt te brengen ,dan alleen by zyne blyde inkomft, en dan noch niet alle ballingen zonder onderfcheit, maar alleen die > welkers namen te voren aan den Raadt waren op- gegeven , en in welker wederkomft zy bewilligt hadden,vermits 'er van tydt tot tydt verfcheideuit de Stadt gebannen waren, met verbod van 'er we- der in te komen , zelfs niet met eenen nieuwen BifTchop, welke van deze gclegenheit zich niet kon- den bedienen. De ballingen, die door de voorr fpraak van den nieuwen Biflchop en ter zyner eer van hunne ballingfchap ontheft zouden worden, kwamen met den BifTchop en zyn gevolg in de Stadt, befloten in een gefpanne touw, of, zo als ik by andere gelegenheden gevonden hebbe , in
een
|
||
|
|
|||
|
|
||||||
|
|
H*5- JAARBOEKEN. 315
een fynde (i).- Nu is de bedenkelykheit, wie men
door die zommige, die doodgeflagen wierden,by Heda begrypen moet. Heda fchynt daar door ver- ftaan te hebben zommige dier ballingen, die te voren in den omtrek van het gefpanne touw ge- gaan hadden : en zoo vat het Matthaeus op (2), (die 'er by ftelt, dat dit touw by geval gebroken zoudezyn,)zeggende dat men alle ballingen,die buiten dat touw gevonden wierden , ftraffeloos mochte doden, en dat zulks in dit geval gebeurt is. Doch dan is het noch duifter, hoe men opvatten moet, 't geen Heda daar by voegt: quorum caedem £,piscopus in fe affumpfit. Want het niet waar kan zyn, dat de ËhTchop verklaard zoude hebben , dat bet vermoorden dier ballingen op zyn bevel, of met zyn goetkeuringe gedaan was, dewyl hy zelfs die ingebragt, en als in zynebefcherminge genomen hadde.
Als ik Veldenaar (3),welke geen gewagmaakt
van het breken van het touw, nazie, komt het my voor, dat Heda in eenen zin te kennen wil ge- ven, alles wat op dien dag gebeurt is, en dat hy door de doodgeflagen verftaat die gene , die op dien dag door het oproerjg volk zyn vermoort, en dat Biflchop Sweder* zoo het om hals brengen j als andere gepleegde geweldenaryen toegelaten, goetgekeurt en op zich genomen heeft. Want zoo fchryft Veldenaar: Item ep ten (elven dach wns in de Stat een groot oploep, f o dat de Borgbermey- fler JBernt Preus in fyn bed dootgeflagen -wart. en |
|
||||
|
|
||||||
|
|
.....
. ,
(i) Ziet hier van Bucisel ad Hedam p. 288. en H. v. R. in
fcyne aantekeningen op de Kerke). Outhed. 11. Deel bladz. 101. (ï) Matth. rer Arnersf. Script, p. z6f. (3) Velden, biadz. tof. - |
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
U T R E C H T § C H E 1425.
fochten moer luden om doot te /Iaën, en bedreven
groten homoet. Ende wat op dien dacb gbefciet was in der Stadt, dat nam de Bifcop al te famen op hem, dat onwyfèlick gbefproken was van een eerbaer Bis- cop , taant daar veel yammers ende fortfen op dien dach gefchiêde. Waar uit blykt, dat de Biflchop alle die geweiden, op dien dag voorgevallen, voor zyne rekeninge genomen heeft, als met zyne ken- ivifle en wille gefchiet. Snoy (i) zegt, dat het oproer met toelatinge van Siveder gebeurt is* Doch Veldenaar verzwygt de reden en de gele- genheit, waar uit dit oproer is gerezen,en ik heb daar van het rechte bericht gevonden in een be- fluit des Raads,behelzende de ftraffoeffeninge ge- nomen over de oproermakers, waar uit blykt, dat de BifTchop tegen zyn gegeven woord en eedt (a), en tegen den wil des Raads iemand der ballingen ingebracht hebbende, gelegenheit en dus oorzaak gegeven heeft tot den oploop. Schoon dit be- iluit eerft in 't volgende jaar des Vrydags na Jacobi genomen is, achte ik echter nodig om het recht verftant van dit oproer te krygen, de eige woor- den , voor zo verre zy het gebeurde op den dag der inkomfte van den Biflchop behelzen, hier te plaatzen (3), zullende op het volgende jaar, hoe die oproermakers geftraft, en wie diegeweeil zyn, uit het zelve Raadsbefluit opgeven. Want de Raede van onfer Stat oude ende nyae, op ten dach
der
(1) Snoyus lib. lx. rer. Batav.
(2) Vermits hy in den brief aan de Stadt den 16. Augufti
gegeven, welke hier voor bljdz. 306. te vinden is, uitdrukke- lyk zich verbonden hadde: oick en zullen zy (te weten d e bal. iingen daar even te voren gemeld ) in onzer incoempjle niet yntte komen moge» , off niemant die bier off raert.
(3) Matthaeus meld het mede torn. ix. Anal. p. 310.
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
JAARBOEKEN.
der incoempft ons beren van Utrecht mitbor e doeken
verboden hadden , dat nyemant des dages vechtelic of onrufte maken en foude binnen onfer Stat , ende yemant die dat verbrake , dat woude de Raet rech- ten milten zweerde anfyn lyff"; des is op tenfelven dach tegens overdracht ons Heren ende des Raets voirfcreven, ende boven boren verboden eenperfone binnen onfer Stat mit onfen Heer van Utrecht inge- comen*, dien onfen Raet voirfcreve hier omme leggen deden in V vleyfcbuys in hor e vangnijfó, daer een vecbtelic omme wart op ter plactfen op een deel van onfen Raede , die dair bevele van hadden van onfen gemenen Rade (i) , ende daer omme der nederge- flagen "worden vanfommige luden , die doe mit ge- welde den gevangen man uter gevangniffe namen. Ende val dienfofyn die , ende meer andere luden tot hem, van der plaetfen mit opfet geftreken totBeernt Proys buyst ons Raet Borgermeyfier , die daar fieck lach , ende hebben denfelven daer jammerliken doet geflagen in ftnen bedde , ende fyn van doen voert doer onfer Stat tot goeder lude bufe gelopen , ende hebben die goede lude gefocbt , omme die mede doot teflaen . ende hebben die goede lude hoer e hufë> huysraet^ glafe ende cknoten ontioe ge/lagen , boer kiften op- geflagen , ende hem dat boer genomen ende ontdra- gen, &c.
Gerrit Spyker , Raadt , is ook op dien dag
om het leven gekomen , en andere gewond. Ver- volgens zyn op S. Bartholomei dag noch geboden uit de Stadt te gaan en daar uit te blyven tot dat
net
... :
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
(i) Indien deze perfoon befloten in het uitgefpanne
geweeftis, zoo is het waarfckynelyk , dat door deze leden vuö den Raadt, op bevel van den Raadt, het touw los gemaakt, hj daar uit genomen en in' de gcvangeniiTc gebragt i». |
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||||
|
|
$i8 UÏRËCHTSCHE 1415.
het den Biflchop en den Raadt zal goetdunken,
dat zy weder binnen komen, Heer Ja» van Ry- neffe met zyne knechten, die by hem op de plaatze waren, Jan Proeys van Lichtenberch, Aernt, Al- bert en Roetaert, zonen van Berent Proeys, Roelof Tymam zoon, jonge Beernt Proeys, en Jaeob zyn zoon. Jonge Jan van Lichtenberch, DircvanHou~ daen, Henric Jacobs zoon, Jacob Scrodekyn, Aernt Hoet, Henricus Pouli en Reynsrus Jagher. Vyftien andere zyn hunne ftemmen in hunne Gilden beno- men, en wierd vorder ten dien dage het volk gewaar- fchouwt, zich hier niet tegen te (lellen, maar zich met deze vonniflèn te vrede te houden, onder ver- beurte van met den zweerde aan den lyve geftraft te worden.
De Biflchop, om was het mogelyk, den haat van
het grootfte gedeelte des Raads en der goede Bor- gerye te ontgaan , heeft geveinft het gebeurde te verfoeijen, en zich met den Raadt verbonden daar wraak over te nemen; maar te recht fchryft Mat- thaeus (i), dat de belofte by woorden gebleven is. En geen wonder,vermics Sweder, van Moeders zyde na vermaagfchap t zynde aan den Heer van Egtnon d, by wien de ballingen hunne fchuilplaats hadden, hen, en dus de Cabeljauwfchgezinden, bcgunftigde.
In het Manifeft door de Staten tegen Sweder
uitgegeven, waar van ik in 't vervolg melden zal, zeggen zy , dat hy tegens zynen eedt en beloften vyandlyk gekomen is voor het Raadthuis met ge- wapende mannen, die hy mede ingebracht hadde; en1 daar des Stadts bannier opgericht, om grote vergaderinge te maken, en dat zommige der geene, die dit wilden wederftaan, zyn doodgeflagen, ge-
Kwetft
d) taattli. torn. ix, Analeft. p. 371. en Rerhis Hift. Da.
Tentr. p. 58. |
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
J4&5. JAARBOEKEN. 319
kwetft, en uit de Stadt gebannen, en dat eenige
booswichten uit laft van Sweder zyn gegaan naar het huis van den Borgermeefter Beernt Proey$, wel- ken zy, op zyn bedde ziek leggende, zwaar hebben gewond. Dat Sweder horende, dat de Borgermee- Üer noch leefde, zelfs heeft willen gaan naar het huis van hem, om hem dood te flaan, 't welk hem niet dan met moeyte belet zynde, zyn de Vleyshou- wers en andere booswichten, andermaal op bevel van Svoeder gegaan naar Beernt Proeys, die op dien tydt het Sacrament van den Priefter ontfing, welken Priefler zy weg gefloten en het Sacrament dus onteert hebbende, hebben zy den zelven Borger- meefter wredelyk vermoort. Daar van daatt zyn zy gegaan naar het huis van den Proofl van St. Pie- ter (i), en geweldig daar uit genomen de kerk- gewaden , boeken , geld, klynodien en andere goederen, dreigende indien zy hem vonden, ook te zullen doodflaan. Alle deze gruweldaden, heeft Siseder^ in plaatze van te helpen ftraffen,op hem genomen, en het interdift en banninge, waar in deze godvergetene menfchen, volgens de rechten der kerke, in gevallen waren, opgeheven. ,
Siveder dus t'Utrecht als Biflchop ingehuldicht
zynde, heeft aanftonts Rudolpb van Diepbolt met alle zynebegunfligers,als mede die van Overyflel, in den ban gedaan. Doch die, uitgenomen Wïllem vanCoeverden, zich daar weinig aan ftorende, zyn Diepbolt getrouw gebleven, hun beroep te Romen vervolgende. Volgens het fchryven van Heda, is hy kort daar na t Amersfoort (*) gekomen, en
zyn
(l) Van deze mishandelinge ziet het geene wy op het jaar
14.36. zullen aantekenen.
(z) Aldaar zynde , heeft hy d« Stadtt gerechtigheden van
Baarn bevefticht,ziet de brief hier vanbjMatth. Ui, deNft« bii.j.p.Szi.. |
|
|||
|
|
|||||
|
|
.
|
||||
|
|
|||||
|
|
||||||
|
|
3*0 V-T R E C H T S 'C H E 1425.
zyn aldaar verfcheide Borger s uitgezet , andere ver-
moord, en zommige met den zweerde ter dood ge- bracht. Door welk gedrag zoo daar , als hier t'U- trecht,zyne wreede inborft ontdekt zynde, is hy in den haat van veele gekomen , waar van wy de gevol- gen flraks op het volgende jaar zullen verhalen.
Deze Sweder heeft even na zyne inhuldiginge
noch twee brieven uitgelevert, een van het Maar- fchalks gerecht, en een waar byhy zich verbind ten Capittel geroepen zynde te zullen komen , en recht te doen (i). |
|
||||
|
|
||||||
|
|
1426.
...
Tot de Regeering zyn in het jaar 1426. deze
perfonen verkoren.
:
Schepenen.
iP -r{ijftt>
Jan Pot , Borgermeyfter.
Claes Sloyer. Braem van Lantscroen. (a)
Henric van Luttickenhuze.
Willam van Zulen.
Lodewyck de Wale.
Dirc Grawaert.
Jan de Koninc.
Aelberc van Hamerfteine.
Machelum van der Stripe.
Beernt Grawert.
Jan Knyf.
Gelys van den Velden.
Ra»
' (t) Deze brieven zyn te vinden by Mattb. il. de NobïL 19-
p. 3J»6. & p. f jf .
(i) Deze, als mede devolgende, die by malkanderengeflelt
eyn, zyn by het uitzetten van Biflchop Ztseder, in de plaat' sten gekomen der geenen , waar naaft zy ftasn. |
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
JAARBOEKEN/
Raden.
, , :
Bartelmeeus Zoudenbalch. . tfiioo*
Herman Grawaert.
Errabrecht over Ryn. ._,ojy, ' |
|
||||||
|
|
Wouter van Cleve.
Jacob Vrederix zoen.
Volperc Foyce.
Ghifebrecht Heer.
Vrancke Godevaerts zoen,
Aernc van Amerongen.
Herman de Vroede.
Jan de Vos.
Claes van Heemftede. Jan van Tiel Otten zoen.
Henrie van Endoven.
Tacob Veen.
Peter van Snellenborch.
Jacob Backer. Dirc van Houdaen.
Gheryt Dedel.
Tyman Sloyer. Huberc Daniels zoen. ? m-f
Willem Scrodekyn.
Tyman van Dorfchen , Borgermeefter. Ghysbert
Lourens zoen.
Jan van Benfcop.
Wenemaar van Maerfen. ,r> 3^j0:.
Peter Stevens zoen. b ^
Peter de Veer.
!/[
Oudermannen. -n^yfl |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
||||||||
|
|
Claes
(t) In het "Raadtsboek (taan de Gilden , Waar van zy Ou-
dcrmannen geftelt waren , niet uitgedrukt , doch ik bebbc de voorgaande ordre gevolgt.
- ; . ; X ' <fï ^ ''T-'
. >:* *««s i»»",. Cv?«a <rtb a*mo>!sr~
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
||||||
|
|
3aa U ;T RECHTSCHE 1426.
Claes van Groene nberch.-» C:JM
i TI !/ ' " f JllIUCro.
Jorys Paedfe.
Henric Hazaert. 7 Backers
^-11 ,-,. r u jx tv l_l 5.
Claes Gherycs zoen. J
WiUamvanderWoert.j Molenaers>
Gheryt Beernts zoen. *
Ewout Willen» zoen. } VI houwers.
Ghlfebrecht Dircs zoen.
Egbrecht Jacobs zoen. -, Virchcopers.
Sceven Huberts zoen. -*
Ghifebrechc Claes zoen. } Louwers.
Lubbert Barten zoen. J
Henric de Wit Jans zoen.-? Overfte Ouderman.
Ckes van Loenen. f, Wollewevers.
Jacob Vaelbier. } Marsludën.
Dirc Aernts zoen. J
JfanTrinde. j Botterluden.
Michiel Lupaert. J
Willam van Weelde. } Cordewaniers.
Gheryt van Slyc.
Gheryt de Haen. » Overfte Ouderraan.
Godevert Jans zoen. * Oudecordewaniers.
Ghifebrechc Jan. zoen. } c
Henric Buddmc.
Ghifebert van Raephorft. y Sceenbickers.
Jan Gheryts zoen.
Gheryt van Hensbroec. } Oudewantfnidefe.
Roelof de Kraen.
Evert van Strymofit. iTynnewevers
Weernaer Braem J J-ynnewevers.
vv eerridcr uidcin. ,
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
ans zoen. -
Dirc
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|||||||||||||||||
|
|
JAARBOEKEN. 3*3
Dirc van Loenen Aertits zoen. -, R ,.
|
|
|||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||
|
|
Claes Stevens zoen. > Bylhouwers.
|
|
.
' |
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||||
|
|
JA
|
]an Rufche. > c ,
Aernt Oge. > Smedeö'
|
|
||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||
|
|
Jan Meynaerts zoen. > - ,,
Claes Florens zoen. > Zadelaars |
|
|||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||
|
|
Een der inkomften dezef Stadt béfiorit in het
verkopen en verpachten der Stadts Ampten, of in het vorderen van zekere jaarlykfche uitkeeringa voor dezelve, niet aan deze of geene nabeftaande of gunftelingen der Regenten , gelyk wy het in onze dagen menigmalen gezien nebben , maar ten voordeele van de Stadt, en dus van het ge^ meen. Dit laatfte hadde ook plaats in den Ge- heimfchryver van het Gerecht, die te dezer tyd Clerk van V Gerecht genaamt wierd , en hondert ponden 's }aars van dat Ampt aan de Stadt moeft geven. Deze Secretaris had zynèn loon van het ichryven der brieven, zoo van plecht als overgifts- brieven, 't welk voldaan wierd van de geene, die Schepenbrieven begeerden. Doch vermits deze betalinge gericht wierd naar mate der grootheit van deze brieven, zoo wierden dezelve niet kort en beknopt opgeftelt, maar zeer lang uitgebreit. Om het welke voortekomen, en d'onkoften, die de borgers en onderzaten hier voor moeften beta- len , te matigen, heeft de Raadt op S. Valentyns dag verftaan, dat de Secretaris de Schepenbrie- ven zoo veel zoude bekorten, alsdoenlyk was, en om dat hier door eene grote tak van zyne inkom- ften wierd afgefnoeit, heeft de Raadt hem ont* flagen van de jaarlykfche uitkeeringe van hondert ponden voor de Stadt.
In het Gerecht van Heer Franck van £or/ele»,
X a in |
|
|||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||
|
|
.
|
||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||
|
|
||||
|
|
Ut R E C H T S C H E 1426.
in het kerfpel van Weftbroekeene watérgang door
de landgenoten en buuren gemaakt en gegraven zynde, heeft de Raadt op den eerden Maart ver- boden alle, die geene landgenoten of buuren zyn, die grifte te bevaren met hunne fchouwen , ten zy ze mede hun aandeel in het graven, en maken, en ook in het onderhouden van die grifte, betaalden.
Ook heèft'dé Raadt des Woensdag na S. Ma-
theus dag verdaan, dat geene Geeftelyke huizen of Gafthuizen in de Stadt zouden mogen getim- mert worden, dan met toeflemming en oorlof van den Raadt, (i)
Biflchop Sweder van Amersfoort wederom t'U-
trecht gekomen zynde, heeft volgens het verhaal van Heda, het Vleyshouwers gilde op zyne zyde gekregen, 't welk argwaan verwekt heeft. Zyn gehoude gedrag t'Amersfoort, alwaar hy wreede- lyk huis gehouden hadde, gaf ook veel nadenken, en de vrienden der geene , die op den dag zyner inkomfte zoo deerlyk gedood en op andere wyzen mishandelt waren, waren t'onvreede,dat alie die geweldenaryen ftraffeloos gelaten wierden, zoo dat de voorige liefde, die zy Diepholt hadden toe- gedragen , wederom fterk begon te herleven. Diepbolt hier van niet onbewuft, hield zich op in het Kafteel Wulven, omtrent een uur van de Stadt Utrecht gelegen, wachtende naar eene bekwame gelegenheit, -om de Stadt te konnen bemachti- gen. Om dit voornemen te begunftigen, hadden zommige, veinzende, Sweders vrienden te zyn, hem geraden, niet altyd t'Utrecht te blyven,maar nu en dan zich naar Amersfoort te begeven, en zich
daar,'
(i) De reden hier vat» hebben wy hier boven bladz. 71.
opgegeven.
. -
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1420. JAARBOEKEN. $25
daar, als ook te Rheenen en op het Slot ter Horft
enigen tydt op te houden, alwaar hy met:minder koften konde leven , en waar door hy veeier ge- moederen tot zich zoude trekken. Dezen raad volgende , is hy in het begin van de L^nte naar Amersfoort getrokken.Welke afweezenheit de Heer Jan van ReneJJe van Reinouwsn (i), die in 't vo- rige jaar mede uit de Stadt was gezet, waarne- mende, is hy op Pinxter namiddag met veertien (2) paerden, waar op gewapende mannen zaten, ge- kleet ajs Monniken , in de Stadt gekomen, en flux gereden zynde naar de plaatze voor het Raad- huis , heeft hy die met hulpe van den Heer van Buu- ren , en andere zyner vrienden , ,die van dezen, aanflag kennifïe hadden,ingenomen..Het gild der Vleyshouwers kreeg hier op des Stadts bannier, en nam de Rodenburgerbrugge (3) in, alle borgers daar ontbiedende by hen te komen, en dus Janvan ReneJJe trachtende te wederftaan; doch deze trekt
man*
(i) By Meyboom torn. u. Rer. German. Script, is te vin-
den eene Kronyk der OsnabrugfeBiflchoppendoor Erdwinus Erdmannus.befchreven , waar in dit geval verhaald word, welke Jan van Reneffé noemt Jan van Nes bladz. 14.7. doch kwalyk.
(i) H. van Ryn in zyne aantekeningen op de Kerkel. Out-
hed. I.Deel p. 298. zegt met 24. paarden, tekens het getui- gen der Schryveren , zoo dat ik geloof 3 dat het eene druk- fout is.
($) Verkeert word by Meiboom op de aangehaalde plaat-
Te deze brugge de Brodenbnrgerbrugge genoemt, en van vee- Ie de Romerèurgertrugge , wqlke de benaminge afleiden van de Romeinen, en vertellen, dat die daar oudtyds eenefterkte zouden gemaakt hebben, doch zonder eenige zekerheit. Wasrfchynelyker is het , dat zy zoo genoemt is van het ge- flacht der Tüodenburgers, 't welk eertyds zeer aanzienlyk alhier is geweeft, waar uit Cbrifliaan Rodenèurg, welkers leven wy befchreven hebben in «ns Trajeffum eruditum , gefproten Was.
X'
3 |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
3*5 UTRE C H T S C H E
manmoedig naar die Brugge, welkers bezetters hem
met een onverfchrokt gemoet op hen ziende aan- komen , aanftonts de vlucht namen, Stadts bannier latende vallen: veele van hen vielen over de Stadts muuren , andere gevangen zynde , deeden oir- veede en eedt van niemand te zullen misdoen, en wierden uit de Stadt gezet. Daags daar aan wierd Diepbolt in de Stadt gelaten. Sweder hier van kennifle krygende, fpoede zich wel aanftonts naar de Stadt, om zyne vrienden te hulp te komen; doch kwam te laat, en wierd buiten gehouden , en is zedert dien tydt noit meer in de Stadt geweeft, Dus trok hy wederom te rugge naar Amersfoort, alwaar hy nauwlyks ingelaten wierd. Hier zynde, liet hy den toeftand zyner zaken weten aan den Heer van Egmond, Vader van Gemout Hertog van Gelre, die eenen dodelyken haat tegensd'Utrech- tenaars hebbende, hem aanftonts vyf hondert ge- wapende mannen toezond, doch d'Amersfoorde- naars weigerende die in hunne Stadt te nemen, hebben zy, veinzende wederom naar huis te trek- ken, zich verftoken omtrent de Stadt, enSweder (morgens vroeg te paard gezeten zynde, voorge- vende ter zyner verluftiging buiten de Stadt te wil- len ryden,heeft zich in de poort eenigen tydt op- gehouden , wanneer de Gelderfche uit hunne fchuil- plaatzen zyn gekomen, en zoo de Stadt ingenomen hebben. Waar op de Gelderfche, Amersfoort met twee blokhuizen verfterkt hebbende, veele ftrope- ryen in het Sticht gedaan hebben.
De Raadt dezer Stadt van Biflchop Svueder be-
vryd zynde, en een nauwkeurig onderzoek naar 't geen ten tyde zyner inkomft in deze Stadt was voor- gevallen , gedaan hebbende, heeft alle, die aan die geweldènaryen fchuldig waren, terecht geftch,
en
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||
|
14*5* JAARBOEKEN. 327
en behoorlyke ftraff-oeffening over dezelve geno-
men , des Vrydags na S. Jacobs dag.
Ik heb op her voorige jaar het begin van dit
Raadtsbefluu opgegeven, met belofte van het ver- volg hier te zullen plaatzen , waar uit men noch klaarder hunne misdaden, wie de fchuldigen ge- weeft, en hoe zy geilraft zyn,zal bevroeden. Na de woorden te voren gemelt, volgen dezen: En- de want deze perfone nabefcreven , die zelver mede gezworen Rade waren van onfer Stat, raets, daets, opj'ats ende wetens fcbuldicb 'waren van BEERNT PROYS ons Borgermeyfters doot, ende van den an- deren geweiden voirfcreven, die feher mede deden, ende die lichte lude , ende die quadien daer op toe- inaeéJen, ende daer ynne geftarket hebben, ende den Raet van on/e Stat voirfcreve daer voert toe gedruc- ket hebben , dat fy hoer mede Raede, die op ter plaetfen gewant ende nedergeflagen war en, ende an- der e goede borgere, die dat boer genomen, ende on- twe geflagen was, daer toe vut der Stat fetten ende bannen mofte, fonder enigen horen brueken, misda- den ofte jcbulden. Ende dat die Raet voirfcreve van defèn horen misdaden, ende menigen anderen geweiden, ende van dat fy daer tiae WILLEM VAN WINSEN , Scbepenborgermeyfter mit opfet nederflaen deden, niet rechten en konden, noch en moften nae boren behoren, ende hebben aldus onfe Stat, horen Raet, horen borgeren ende onderfaten in horen ou- den rechten ende vrybeiden grotelic veronrecht ende vercort; hier omme verbiet de Raet out ende nywe den perfonen nabej'chreven eiken eweliken die Stat op baer lyff", ende men neempt hem allen ende eiken van hem bifonder hoer borgerfcap: TIDEMAN VAN DORSCHEN , CLAES SLOYER , JOHA.N DE WITTB HENR.ICX foen. WILLEM DE WIT , WILLEM VAN
X 4 DOR-
|
|
||
|
|
|||
|
|
||||||||
|
|
§a8 ÜTRECHTSCHE
DORSCMEN , HENRIK RAM , VREDERIC HUBRECHTS
/oen, LAMBERT PETERS /ben, CLAES VAN HEEMS- CROEtf, MELYS HAEK, STEVEN HUBRECHT EG- BRECHTS foens foen, JOHAN HAECK, CLAES Gm- SEBRECHTS foens /ben -, die men MITTER NOESEN beet, JOHAT.' VAN DER MAET, DIRCK VOSKUYL, MENT BRUNINCX /ben, WILBOERT fynfoen. ~ Want de f e nabefcbreven in den voirfcreve faken bem qualic tegens on/èr Stat ende tegens on/en Rade bevayft hebben , daer omme beeft fy de Raet out en' de nywe gecorrigeert eiken als bier nae bejcreven flaet: HENRIC DE WIT JANS foen fail uier Stat Rade we/èn, ende men neempt bem fyn ftemme, JO- HAN LIEBOERT fel twe jaer wt on/er Stat Rade we/èn. ROELOF DIE KRAEN fel uter Stat Raeds ixefen ,ende men neempt bem fyn ftemme. TIDEMAN 'SLOYER fall uter Rade we/èn , ende daer toe (\) /all hy flaen tot goetduncken V Raet s van enigen brueken, daern de Raet brueklcb ynne vonde. Go- DEVAERT DAEMS foen fet men ut en Raede , ende men neempt hem fyn borgerfcap. DIRC AERNTS foen fet men wt den Raede, ende men neempt hem fyne ftemme. YERYS PAEDSE fall uten Rade wefen^ ende die Raet neempt hem fyn borgerfcap.
Want defe nabefcreve op ten dacb der incoempfl
ons Heren van Utrecht mede omme gelopen hebben, die goede lude gefocht, om die lude te flaen , ende den lude hor e hufe, hoer clenoten, ende hwsraet on- twe geflagen , ende deels genomen, ende fint dier& tyt nacht ende dacb tot air e tyt rede geweeft hebben omme quaet te doen, ende die goede lude daer der Stat gedrucket ende gedreyget hebben, daerom heeft 4e Raet out ende nywe fy gecorrigeert mit groter
ëra'
(i) Dat is daar en boven, naar den fchryfftyl van dien tjdt. |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
||||
|
|
1426. JAARBOEKEN.
graden, ende hoer bruecken gerecht aen eiken, al ft
hier na be/crevenflaet. JACOB SPIKER verbiet men de Stat vyfende twintich jaer, ende tien milenvan der Stat, als mede AELBRECHT GHISEBRECHT GE- RYT foens [oen , ende GHERYT ROEDERIX foen. JOHAN TOLL vyfende twintig jaer de Stat. buten landen van Utrecht an desfyde der kerke, ende tot Culenborch niet te comen. HENRIC SPLINTER xx jaer, GHESE FLOER x, WOUTER CLAES foen K, GHERYT VAN SMALENVELT x, ende TIDEMAM GEEL x jaer, ende elx van hen tien milen van der Stat. STEVEN JANS foen, PETER HERMANS foen, GHERYT BLANCKERT, WESSEL JAN JORDENS foens foen, DIRCK vAfl HENSBERCK elxvyf'jaer. LOEF HENRIX/Ó<?#, zes jaer. WISSE PETERS foen, ende BEKENT HEY WOUTERS foen , elc drie jaren. JO- HAN VAN DEN BERGE, ende CLAES RWSSCHE, elc twee jaer, &c. Zynde noch verfcheide hun bor- gerfchap ontnomen.
Dus wierd deze ftraff-oeffening zonder dood-
vonnis verricht. Ook heeft de Raadt alle die in "t vorige jaar uit de Stadt en uit den Raadt gezet, en die hunne borgerfchap en ftemmen in hunne gil- den s afgenomen waren , wederom herftelt. En heeft vervolgens de Ridderfchap en de Stadt Utrecht op den 6. Oólober (i) zich met de Rid- derfchap van Zallant, Vollenhove, Twent en Drent, en met de Steden Deventer, Campen, Swol en Oudenzeel verbonden, en Diepbolt tot Ruwaart en befchermer verklaard. Na dat Stveder
hier
(i) Ziet de brief by Matth. t. ix. Anal. p. ^17. die den.
zelven brief p. 340. noch eens voor den dag brengt, verge- ten hebbende, datby denzelven even te voren hadde uitge- geven. Ziet ook Revius lib. i. Hiftor. Daventr, p. 101. *\'
x 5
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
33o U T R E C II T S C H E
hier op driemaal ingedaagtennietverfchenenwas,
(fchoon hem vry geleide gegeven was, en hy volgens xjen Landtbrief ten Capittel geroepen zynde, ver- plicht was te komen,) en van die indaginge zich hadde beroepen op den Paus, hebben de Capittelen zich te zamen verbonden, indien iemand van den hunne laft hier over gefchieden mocht, den anderen by teftaan,enmetgemeene krachten en koften hun- ne rechten tegens Siveder voor te ftaan (i); hebben- de zes dagen te voren, te weten den 6. Oftober, zich op denRoomfchen Stoel beroepen tegens BhTchop Staeder, welke, uit kracht van het Interdift, door den Abt van Marienweerd als OfHciaal van Sweder tegen de Stadt uitgefproken, wilde, dat de Capitte- len de Stadt, als onder het Interdift leggende, zou- den verlaten, en elders by een komen , om ordre te beramen, hoe in het vervolg het Capittel zou- de gehouden worden , veele redenen in dien be- roep-brief, te lang om hier te plaatzen (2) by- brengende, ter betoog dat Sweder geen recht had- de om zulks te beveelen, en zy daar niet aan konden of behoefden te gehoorzamen. En vermits veele Geeftelyke, wegens den ban door Sweder tegens Diepbolt en zyne aanhangeren uitgeblixemt (3),
de
(i) Ziet Matth. t. ix. Anal. p. 547.
(i) Ziet HeufTens Kerkel. Outhed. I. deel, bladz. i88.
(j) Met veel iever heeft Sweder den uitgefproken ban ver-
volgt > getuigende S. van Cuylenborch in Origin. Culenb. by Matth. torn. vi. Analedt. p. 383. dat hy alle Sonnendagen over hen las die euwige malediftie ende fchelden over hen , en* de overfcoetfe mit keerfen. Doch zy hebben 'er zich niet aan geftoort. Revius in Hift. Daventr. p. 100. verhaald, dat als D/>^o/<aangekondigt wierd,dat hygeexcommuniceerf was, hy niet zeer gelettert zynde, gevraagt zoude hebben , watts excommuniceeren ? en als hem dat uitgeleit was, dat hy zyn ponjaart zoude uitgetrokken hebben, en gezegt, hier mede hem excammuniceerta. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
14*6, JAARBOEKEN. 331
de Stadï Utrecht hadden verlaten, heeft de Raadt
by klokluidinge laten af kondigen, dewyl Diepholt alle Prelaten, Canoniken, Vicariflen en alle Gee- ftelyke luiden binnen de Stadt gebeneficeert, ver- gaf alles 't geen zy tegen hem misdaan mochten hebben, met betuiginge van dezelve te willenbe- fchutten en befchermen, dat zy vry geleide gaf aan alle die Geeft«lyken, om veilig hier te wonen en te wezen; mits dat hun voornemen waar hier te blyven. Op dezelve wyze heeft de Raadt ook verboden , dat niemand eenige proceffen, maan- brieven , banbrieven of verzwaringe van wegen Bis- fchop Sweater j of van eenen anderen Rechter, wie hy ook zyn mochte, tegens het beroep van Dlepbolt aan den Paus,in de Stadt zoude brengen,op ver- beurte van lyfs ftraflfó. En dewyl Biflchop Sweder en alle zyne Amptluiden, met het Landrecht naar inhout vandeaLandbrief,en der kerken rechten, afgenomen en nedergeleit waren alle gehoorzaara- heit» alle dienften, en alle gerechten, geeftelyk en weereldlyk , heeft de Raadt insgelyks doen verbieden, eenige dagebrieven, maanbrieven, ban- brieven , of eenige andere proceflen wegens Swe- der, zynen Officiaal,of iemand anders, ten behoeve zyner Amptlieden , in de Stadt te brengen , op verbeurte als boven, (i)
Hier by heeft de Raadt het niet gelaten, maar niet
konnende dulden, dat Amersfoort van het Sticht was vervreemd, en door bolwerken gefterkt, en dat Swe- der een groot gedeelte der goede borgers uit de Stadt gezet had,als mede dat de Gelderfche dagelyks veele ilroperyen op het platte land aanrichteden, en ook dat Biflchop Sweder verboden hadde eenig
goed
(i) Ziet Matth, t. ix. Anal. p. 339.
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
33» U T R E C H T S C H E 14*6.
goed door het Sticht in de Stadt Utrecht te bren-
gen, heeft zy ordre geftelt, om deze roveryen en andere geweldenaryen tegen te gaan, en zich ten oorloge toegeruft, en tot Hoofdmannen benoemt Aernt van Amerongen en DirkGrawert, me t vol- komen macht, om des Geftichts palen te vryenen te befchermen, alle geweiden te wederftaan, en het volk teregeeren en te geleiden in alle reizen en tochten. Ter hulpe der Utrechtenaars heeft Vrouw Jacoba van Beyeren eenig volk gezonden, met 't welk Diepholt getrokken is voor Amersfoort, omtrent aller heiligen dag , en heeft de Stadt in- genomen , de twee bolwerken vermeeftert, en tot gevangens gekregen Pieter van Cuyknborch, $<uueders broeder, Jan van Ackoy ,Gofen vanRyc- ke», D'trck van Royen, met noch twee honderc mannen. Heda, Sligtenhorft en andere Schryvers verhalen , dat de borgers van dezen aanflag ken- nifTe gehad hebben , en die van Emmeneffe aan d'eene zyde 's nachts voor de Stadt zyn gekomen, waar op de borgers met veel iever waren gelopen naar de wallen , en daar in gevolgt door die aan de poorten op de wal de wacht hadden, waar op die van Utrecht aan den anderen hoek van de Stade over de wallen en muren geklommen waren , en dus de Stadt bemachtigt hadden.
Het volk had de wallen beklommen , en om
dit te vaerdiger te konnen doen, hunne opperfte klederen afgeleit, en vooral de Hollanders,welke weg genomen zynde , heeft de Raadt op zware ftraffe geboden de genen , die ze opgebeurt had- den , of willen wie ze hadden, dezelve te brengen in handen van den Stadts Cameraar, of te kennen te geven by wien zy gehouden wierden.
Dus wierd Amersfoort wederom gebracht aan
" " het |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1426. JAARBOEKEN. 333
het Sticht, en heeft Dlepholt eenen brief afgezon-
den aan Hertog Aernout van Gelre, vergoedinge eiflchende van de fchade door de Gelderfche aan die Stadt gedaan, met betuiginge, indien hy niet voldeede aan dezen rechtmatigeneifch,dathydan zyn recht zoude vervolgen , daar hy oordeelde het te behoren (i). Vervolgens heeft Diepbolt deAmers- foordenaars kwy t gefcholden alle breuken en lich- ten , die hy op hen te zeggen mocht hebben ( 2) ; en hebben die van Amersfoort den 14. November zich gevoecht by het beroep door Utrecht gedaan, tegens den ban van Sweder. (3).
Tot befluit van dit jaar zal ik hier by voegen, dat
Peter van den Steene,a.\s Prooft van Oudmunfter, Heer Jan van drkel heeft verleit met de Heerlyk- heit van Haaflrecbt, en eenige andere goederen, r 4 j
,
1427.
.
Tot de Regeeringe dezer Stadt zyn in het jaar
1427. deze navolgende verkoren.
c u
Schepenen.
- .
Johan van Lichtenberch, Borgermeyfter.
Willam van Alendorp. . Willam van Wynflen. Matheus Pot. Henrick de Wit.
Jonge
(i) Ziet Matth. Rer. Atnersf. fcript. p. xcix. en Ponton.
Hift. Gelr. ix. p. 427.
(z) De brief daar van heeft Matth. ibid. p. 382.
(j) Ziet IMatth. ibid. p. 268.
(.j) De brief is te lezen by Matth. t. nu. Anal. p. 3
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
334 UTRECHTSCHE 1427.
Jonge Vrederick van Drakenborch.
Jacob de Voecht van Rynevelt. Henrick Vrenck van den Vliet. Adriaan van Landscrocn. Henrick Trinde. Johan van Amerongen. Reynier van Tetwyck.
Raden.
Peter over de Vecht.
Henric Stamer.
Loeff Hafert.
Claes Martens zoen.
Johan Foyt.
Jacob Geryts zoen.
Johan Proys.
Godevert de Coninck, Borgermeyfter.
Johan van Gruenewoude.
Henric van Scalcwyc.
Johan van Hamelenberge,
Willem Cloetinc.
Jan Nypyfer.
Goedfcalc van Winfen.
Aernt Hoet.
Ryner Arnts zoen.
Gheryt van Vlueten Henrix zoen,
Roeloff Tidemans zoen.
Henric de Hafe.
Jonge Willem Verwer.
Willem van der Stekel.
Peter Hubert Daniels zoens zoen.
Johan van Jutfaes.
Johan Rwfeh Peters zoen.
Ou-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
1427- JAARBOEKEN, 335
Oudermannen,
Pilgrim de Wael. 7 w ,r -
Steven van Zulen.> Wantfmder<' Egbrecht van Gruenenberch. -> c ., GherycKnyff. * Smders'
}"
Pecer Zafle. l M ,
GerytvanMaerfen.JMoIeMers-
Kc dWC'
|
|
||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||||
|
|
Henric Sloyer. i t7.r ,
Willen, de Ridder, i v'f*copets. |
|
||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
1
|
|||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
.i
Lubbrecht de Jonge. > e.
Steven Stevens zoen. } Botterluden>
Arnt van Tyel. |
|
||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
Baudekim Wimkens zoen. -i r nr
Tideman Dedel. } Corencopers. |
|
||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
Gheryt
|
|||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||
|
|
||||||
|
|
U T R E C H T S C H E 1417-
Gheryt Pot. } Graeuwerkers.
Di re Braem. J
Willem van Gent. }. Ryernfniders.
Gheryt de Keyfer. J
Willem Bogemaker. l Bylhouwers.
Eerft Jans zoen.
Gheryt van Benfcop. T. Smeden.
Willem Tielmans zoen. J
AlbertvandenDamme. , Ztldelaars..
Willem Jans zoen. J
Wy hebben op het vorige jaar verhaald, dat de
Ridderfchap en de Stadt utrecht, nevens die van Overyflel Rudolph van Diepholt tot hunnen Ru- waart en befchermer hadden verkoren. In het begin van dit jaar, te wetert den 3. January heeft de Geeftelykheit hier zich bygevoegt, en Diep- bolt, den volgenden dag in het gemeen Capittel geroepen,heeft het zich laten welgevallen,en by eede zich verbonden, 's lands en kerken gerechtig- heden te zullen voorftaan. Welke eed genoegzaam van de.nzelven inhout was, als de nieuw gekorene Biffchoppen gewoon waren af te leggen (i).
Biflchop Swcder heeft daarom den moet niet
laten vallen, maar zyn heul gezogt by Philips de Goede, Hertog van Bourgonje, die zich gewillig getoont heeft om hem byftant te doen, t'onvrede zynde over die van Utrecht en Amersfoort, om dat zy het met de Hoekfchen hielden (a), en Vrouw
..: . ''I
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
(i) Ziet Matth. t. tx. Anal. p. j*f. &feqq. enV.Heuflens
Kerke!. Outhed. i. deel, bladz. 294..
(i) Pont. Heuter.llb. iv. Rer. Burgund.cap. 5. Zoo waren
in het vorige jaar veele uit het Sticht met Vrouw Jacola «pgetrokken voor Haarlem, volgeni het verhaal van Velde, naar, in zyne Hullandfche Cronyk. ' |
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN.
|fy
Jacoba (wiens ongelukkige lotgevallen, dewyl die
tot de Hollandfche gefchiedeniflen behoren , ik overfla) begunftigden.
Deze Philips , met Hertog Aernout van Gelre
en BifTchop Svaeder een verdrag gemaakt hebben- de, waar byze zich onderling verbonden hadden, dat d'een zonder des anders kennifle geene vrede- handelinge zoude ingaan, en veel volks uit Picar- dien, Bourgonje, en Holland, by een hebbende doen komen , is met dezelve getrokken in het Sticht, en eerft Bunfcboten hebbende doen in- neefnen, om die van Amersfoort af te fnyden van de Zuiderzee , heeft hy voorgenomen Amersfoort en het huis ter Eem te bemachtigen, latende aan den Hertog van Gelre over het innemen van Rbee- nen, die daar ook, gefterkt door die van Cuylen- borch, voor gekomen is. Waarom Hertog Philips zich gelegen heeft voor Amersfoort , waar in 's nachts te voren die van Utrecht hadden gezon- den drie hondert Schutten, om den vyand te hel- pen wederftaan. Philips, deze Stadt niet konnende machtig worden zonder geweld en kracht van wape- nen, heeft de Stadt fterk doen beftormen, en zelfs, geen gevaar ontziende , de gracht overgefprongen , om door zyn voorbeelt zyne krygsknechten aan te moedigen, en het zoo verre gebragt, dat hy d'A- mersfoordenaars tot drie malen al van de wallen hadde verdreven. Doch de Utrechtfche Schutten toefchietende,hebben met behulp der Amersfoort- fche vrouwen en jongens, die heet water mee brouwt gemengt, gekookt in de brouwketenen (i)
hen
(i) Het Amersfoorts bier was in die tyden zoo vermaart,
dat 'er drie hondert brouwers in dieStadtgevonden wierden. Cornelius ZiaBtfliet inzynaCbronyk, uitgegeven doorMarte-
Y n»
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
338 U ,T R E C H T S C H E 1417.
hen toebrachten , en van de wallen op de aan-
vallers ftorteden , met eene byzondere kloekmoe- digheit de vyanden het opklimmen der wallen belet, en dus de Stadt van dit groot "gevaar ge- red en bevreit. Waar door de Hertog van Bour- gonje genootzaakt is geweert het beleg op te bre- ken , en met groot verlies af te trekken, zoo dac acht dagen aan den anderen beileet zyn , om de dode lyken, in de gracht en: geweeze legerplaats van den Hertog gevonden, te begraven. De Her- tog dus doür kracht van waperien Amersfoort niet hebbende konnen overmeefteren , heeft getracht dezelve alle toevoer van.de Overyflelfche Steden over de Zuiderzee te beneemen, en ïdmfterdam een groot fchip doen bouwen, 't welk eene Kat (l) gcnaamt wierd, en 't zelve doen leggen voorden mont van de-JüVw; doch die van Amersfoort met hulp der Utrechtenaars hebben daar tegen een groot blokhuis doen zetten, waar door zy deze
kat
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
neen Durandtom. v.Collcft. veter, fcn'ptor. &Monum.pag.
4 18. fchryft, dat Hertog Philips hen op 't onverwagtft op het lyf gevallen is , zoo dat de Amersfoordenaart noch niet ge- uoegzaam gewapent , zich echter kloekmoedig hebben ver. weert, en op de beklimmers der muuren heet bier, 't welk toen by geval gebrouwen wierd , gegooit hebben, en daar door hem genootzaakt af te wyken. Herman.'Cornerus in Ghron. apud Eccard. torn. u. Corpor. Hift. medii aevi ver- haald , dat ée Poftulaateven voordekomft van Hertog Philips met i loo. gewapende mannen in Amersfoort was gekomen, en dat die toegelaten hadden , dat foo. Bourgondifche krygs- knechten over de wallen de Stadt beklommen hadden, en in de Stadt zynde, op dezelve aangevallen waren, en ten deele gedood , ten deele gevangen genomen hadden. Doch dit verhaal verdient geen geloof.
(i) Hoe en tot wat einde dit fchip gebouwt was, kan ge-
zien worden by Voffius, lib. xx. Annal. p. 114,. & nf. die 't zelve zeer nauwkeurig belchryft. |
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
J A A R BlO:E K,E tt 33»
kat onbruikbaar hebben gemaakt, -welles ook pa-
derhant in den winter door eenenysgang ten eene* maal vernield is (i). De Schryver van de Amers- foordfche Kronyk voegt 'er by (a,), dat Bunfcbaten, om dat het de Hollanders ingelaten en gehplpeti hadt, tot. den grorjt toe afgebroken is.
Ook hebben de Hollanders eenen aanflag gehad
op Frcelan'd, doch 't zelve door d'Utrechtenaars tydig van 't geen nodig was ter verdeediginge voop* zien zynde, is hun voornemen te leur geftelt.
De Regeerders dezer Stadt, zulk e.enen machti-
gen vyand in hunne nabuurfchap hebbende, heb» ben zich ten ftryde toegeruft, en alle die geene, dis zich by hen en den Heer Poftulaat wilden voegen» en tegen hunne vyanden optrekken, vry geleid? gegeven,en toegeftaan hunnen te behalen buit f n de Stadt te brengen , onder toezegginge van hef derde gedeelte van de genome have vpor zich f9 zullen'behouden, en voor zeelgelt van ieder ge- vangene te genieten tien Hollandfche fchilden, of de gevangene, mits dat zy geene bekom<? have of gevangene verduifterden, maar jn de S^adt brach- ten op verbeurte, van hun leven. De bekome buif moeft gebracht worden op S. Cathryne veld, om aldaar door Schatmeefters, die ook anders Butemee- flers genoemt worden, verdeelt te worden. Vervol- gens zyn dppr den Heer Poftulaat to^avglhebben
PVfif
'
(i) Ziet Matth. Rer. Amersf.fcrlpt.p.pf.fciez. Zantvliet
op de zoo even aangehaalde plaats verhaald, dat dit groote Schip voor het beleg al in de Zuiderzee gelegen heeft ;ande* ie, al» Veldenaar en Voffiu» brengen dit op het volgende j»ar,
(*) Matth. ibid. p. 171. en Gouthoeven Chron. p. 4ff,
fchryven, dat dit door de Utrechtenaars verricht i», ziet ook Matthacusin zyneaaïjtökeuingen over de Rer.
'">' y.
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
§40 UT R E C H T S C H E 1427.
over zyn krygsvolk geftelt, Heer Willem van Mont-
foort en Hendrik Ledebuer, en door de Stadt Go- devaert de Konink en Aernt van Amerongen, Bor- germeefters van den nieuwen en ouden Raadt, zynde de laatfte in plaats van den uitgezetten Ttman van Dorfchen tot die waerdigheit verhe- ven.
Hertog Aernout vzn. Gelre zich mede vyand van
het Sticht verklaard hebbende, heeft met zooveel iever dezen oorlog voortgezet , dat hy daar door het Graaffchap Gulik kwyt raakte. Want Maria vanHarcourt,Qer& Weduwe van den ouden Her- tog Reynout, en naderhant getrouwt aan Robbert, zoon van Adolf, Hertog van Berge, hadde in lyf- tocht de bezittinge van Gulik, welke na haar over- lyden moefte komen aan den Hertog van Gelre. Welke Maria te dezer tydt ftervende, verzuimde Hertog Aernout van Gulik bezittinge te nemen, en de Keizer eenige bekommeringe opgevat heb- bende over de al te groote macht van den Hertog van Bourgondien, waar mede Hertog Aernout zich verbonden hadde, verleide den Hertog van Berge met Gulik, waar door Gelderland voor altoos van dat Graaffchap is ontzet. Dus wierd de Hertog van Gelre, alle zyne krachten bybrengende om een ander onwettig en met geweld 't zyne t'ont- nemen, rechtvaardig geftraft, en van een fchoon ftuk goed, welk hem natuurlyk toekwam,berooft.
In het laatfte van het voorgaande of in het begin
van dit jaar hebben de Utrechtenaars blokhuizen voor Cuylenburg doen ftellen, om de inwooners te benauwen en het uitlopen te beletten. Of fchoon geene Schryvers hier van gewagen, voor zoo verre my bewuft is, zoo kan ik echter dit vaft ftellen, om dat ik in onze Raadtboeken dingsdag na Pauli
con-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN. 341
converfio van dit jaar aangeteken: vinde, dat aart
twee menfchen, die in Stadts dienft gearbeit had-, den aan die blokhuizen, en welkers eenen zyn been, en den anderen zynen arm was afgefchoten, toege- legt zyn 's maandelyks hun leven lang gedurende twee ponden Stadts pay, en vooreensachtBeyeri fche guldens.
Ook hebbe ik gevonden onder de Stadts oude
boeken eene byzondere rekeninge, gedaan door Jacob Scroeykyns, Lambert van Zulen , Httbert Daniels zoon, en Lambert Elias zoon, van zulken loon, als aan de werkluiden gegeven is, die'aan hec blokhuis voor Cuylenborg gearbeit hebben, en van zulke reizen, als in 't jaar 1427. gedaan zyn van de Stadt, waar in gewag gemaakt word van verrcheide reizen, als in de Veluw, voor Amfter- dam, in Overyffel, te Kampen,totSeyft,Amers- foort, Soeftdyk, in de Betuw en tot Cuylenborg, hebbende d'onkoften voor deze Stadt in alles be- dragen 4096. guldens, zes wit. Welke fomme ons thans zeer gering moet voorkomen.
De eerfte uittocht,die Dlepbolt met de Utrech-
tenaars , die van Amersfoort en Overyflel, (waar by zich de Graaf van Hoey hadt gevoegt,) ge- daan heeft, is voorgevallen daags na S. Geertru- den dag , zynde gericht op de Veluwe, alwaar groote verwoeftingen door plunderen, roven en branden door hen zyn aangerecht, zonder kloos- ters of geeftelyke huizen te verfchonen. De Her- tog van Gelder , om dit betaald te zetten, heeft den vierden April zyne wraakluft geboet in het ver- branden van Amerongen, Woudenberg en andere plaatzen van het Sticht, en is voorts in Drent ge- vallen , op dezelve wyze aldaar huis houdende. is hier op omtrent het einde van de So- Y 3 |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
Ü-T ft Ë C H ï S C H R 14*7-
ftiermaahd byRheenendenRhyhovergevafen *en
\\èe& Heusden, Ke/ïeren, Linden, Ommeren > In- gen , Eek, Maurik en de omleggende buurfchap- fïeh tot Ravensway toe uitgerooft en geblaakt, Om Welke en vordere verwoettingen was het mogelyk te -wederftaan, - die van Nimwegen, Tiel en tiom- mei uitgetrokken zyn, 'en in gevecht gekomen zyn- dé 5 tufichen Ryswyk en Maurik , zyn de Gelder- fehe verflagen, met achterlatinge van vyf hondert gevangene. Even daar naar heeft Diepholt eenen aanflag gemaakt om Tiel te bemachtigen, doch die Iriislukt zynde, heeft hy zich vergenoegt met de berovinge en verderffenifle der Dorpen, Zant- >toyck) Droemt) Soelen^ Malfen en tfadenoyen, efl het uitplonderen en verbranden van het Marien- kloofter, om dat deszelfs Abt-den ban, als Officiaal van Sweder,tegens hen hadde uitgefproken. Dus üyn de Utrechtenaars met veel behaalden buit-eii gevangene t'Utrecht te rug gekomen» Dezert tocht m de Veluwe brengt Heda op het volgende jaar, doch dewyl ik daar van gemeld vinde in ons Buuffpraakboek van dit jaar, moet dezelve te de- iet tydt voorgevallen zyn.
Hoe Jobten van Middendorp in dit jaar, en ver-
fcheide andere , den Poftulaat en het Gefticht den oorlog hebben aange'zeit, kan gezien worden t>y Revius (i).
In des Cameraars rekening van dit jaar hebbe ik
gevonden, dat Donderdags na Petri de Poftulaat uit het leger in de Stadt gekomen is, om met on* Eer Scadts Overftens^ en de vrienden van Vrouw Jdéoba i)att Beyeren te fpreken, en te overleggen hoe men de vyanden den meeftert afbreuk zoude
kon-
(i) ReViut iib. t. Hiftör, Daveflttr p» iea. & roji
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
1457- JAARBOEKEN. 343
konnen doen , en dat die alle door de Overftens
op Hafenberg ten eeten zyn onthaalt, welke maaltyd fmiddags en favoms gekoft heeft 20. gul- dens twaalf wit, makende zes en twintig Stadts ponden, twaalf wit en twee duiten. Dit. hebbe ik niet willen overflaan hier aan te tekenen ,1 om te bewyzen hoe weinig diergelyke maaltydcn, ia vergelykinge van de hedendaagfche, gekoft hebben^, te meer daar de Heeren, die dezelve bygewoont hebben, zeer sanzienlyk waren, zynde de geene , die door Vrouw Jacoba naar Utrecht waren gezon- den , geweeft Jan van Wajfenaar, Dirk van Mer- luede, Bartout van Ajfendelft, Ger.yt van Poelgeeft\ Wiilem van Naaldwyc, Adriaan ter Longe, en Floi-ys van Kyfboek , welke met den Poftulaat en de Overftens dezer Stadt ter maaltyd hebben aan-., gezeten.
Biflchop S-weder en zyne Helperen hebben
veele middelen aangewent, om de Stadt Utrecht te bemachtigen, en ten dien einde eenen aanflag beraamt om de Stadt op het onverwachtft te ver- meefteren : waar van kennifle gegeven hebben- de aan eenigc zyner begnnftigers, in de Stadt wonende, heeft hy getracht des Vrydags naKmisr vindinge, des morgens om zeven uren ,de Witto vrouwe-poort in te nemen, en daar door zyn volk in de Stadt te brengen en dus te overrompelen. Doch deze.aanflag, door de waakzaarnheit der goede borgerye ontdekt en tegen gegaan zynde, is vruchteloos geweeft, en zyn 'er verfcheide der medeplichtigen aan dit verraat met de dood ge- ftraft, als Alen Goeffens zoon, en Lambcrt Jan? zoon, met den rade: Jacob Wemmer,Bertelmeiig Andnes zoon, Jan Lïeboort, Hendrik, Uurflotma- ker,Jan van Spsngén, en Lambert -, Biertappet in,
Y 4 de
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
344 U T R E C H T S C H E 1417.
de Jacobinen fteeg, met den zweerde: andere
gebannen:doch eenige dervoornaamfte,als.^ö« over de Fecbt Hermans zoon , Hubrecbt Zouden- balch, Vreeswyk de Witte, Janszoon, Hendrik van Endoven, Evert die Gruter, Timan Rycouts zoon van Bylair, Aelbrecbt Botte en Gerrit Ude, de Leydekker, ontvlucht zynde, is de Stadt voor eeuwig verboden op hun lyf, en zyn zelfs hunne Vrouwen en Kinderen gelaft uit de Stadt te gaan, en dus zo wel als haare Mannen en Vaders ge- bannen.
Door het Interdict van Biflchop Sixeder hadden,
volgens de gewoonte der Roomfche Kerke, de mor- gen en avont gezangen , en in zommige Kerken de geheele Godsdienttoeffeninge ftil gedaan; doch na dat eerft de Raadt, en naderhant de Poftu- laat, de Ridderfchap en de Raadt dezer Stadt de Geeftelyken in hunne befcherminge hadde geno- men, hebben zy den dienft naar gewoonte weder- om verricht, (i)
De Staten des Geflichts geen gehoor by den
Paus konnende krygen, jaa fmadelyk by den Stoel van Romen behandelt wordende , in hunnen Afge- zant Rays Doggen (2), die aldaar als eene misda- dige in de gevangeniffe was gebracht, hebben goet gevonden , de gantfche Chriften wereld by een openbaar gefchrift bekent te maken derechts- weigeringe hen aan 't Roomfche Hof gedaan, en
de
(i) Ziet Matth. torn. jx. Analeft. p. jfi. & Rer. Amcrsf.
Script, p. 272.
(t) Deze Raifo T>oggart vanOudewervt, DoftorindeGe.
neeskunde, is in het volgende jaar CanoniktenDomgewor. don, en in het jaar r^jf. Prooft tot Oudenzael , en in het jaar 144.3. geftorven. Ziet Drakenb. Aanh, op de Kerk. OutJ», (>ladz. 63. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1417. JAAR00ËKEN.. 345
de redenen, waarom zy Biflchop Staeder nietkon-
den aannemen. In ó^ Verklaar-fchrift, gericht aan alle Chriften Kofl'ngen, Keurvorften en an- dere Vorflen van'.'t Roomfche Ryk, mitsgaders aan alle AartsbifTchopP6*» > BifTchoppen, Herto- gen , Markgraven Landgraven, Graven, Edelen en geboertige Hebren > en alle andere Kerken- prelaten, een Manifeft genaamt, waerdig om ge- lezen te worden , doch te lang zynde om hier geplaatft te worden (O» Word eerlt aangetoont de wettigheit der vefkiezhige van Rudolpb van Diepbolt, de onwettigheit der voorzieninge ten behoeve van Siveder vfln Cuylenborg, de redenen by het beroep aan den Paus bygebracht, de rechts- weigeringe te Romen gedaan , en dan worden ver- haald de gruwelftukkefl > geweldenaryen en wreed- heden door Sweder gepleegt , waar door hy zich onwaardig gemaakt hadt den BifTchoppelyken ze- tel te beklimmen :waaf van tot ftaaltjes bygebracht worden , eerft dat hy, voor dat hy de Pauflelyke brieven van voorzieninge getoont, en daar opzy- nen eedt gedaan hadde , een der Stichts Sloten, Hor/l genaamt, ingenomen had, en vyf Mannen doen onthoofden , zonder hen volgens hetLand- recht te recht te hebben doen ftellen. Tentweden, de geweldenaryen, verdriften en rovinge by zyne inkomft t'Utrecht gepleegt. Ten derden, dac hy 's nachts t'Utrecht eenen Priefter van OveryfTel van zyn bedde hadde doen lichten , en gcboeit doen overbrengen op het Slot ter Hor ft, en daar zoo lang gevangen gehouden , tot dat hy eene goede fomme gelds aan hem betaald hadt. Ten vierden, dat hy de Stadt Amersfoort van het Sticht ' ver-
(i) Ziet het zelve by Matt'i. torn. vi. Anal. p. j:o.
Y 5 |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
U T R E C H T S C H E
vervreemd hadt, en in handen der Gelderfchen
overgegeven , die daar blokhuizen in gemaakt, veele borgers gevangen genomen , en andere ge- vangen in vreemde landen hadden gezet, om hen te dwingen groot losgeld te betalen. Tenvyfden, dat hy eenen J'ohan vatt Loenen in de gévangenifle hadt doen brengen, wredelyk laten pynigen, en gedwongen in die pynen belydenifle te doen van een gefmeet verraat, welke, door den Rechter en Schepenen van Kheenen ter dood veroordeeld zynde, zyne vorige belydenifle, als daar toe door de onmenfchelyke pynigingen gedwongen zynde, herroepen hadt, waar op het Gerecht van Rbee- »<?», zwarigheit makende het gevelde vonnis ter uitvoer te brengen, door Sweder gelall was hem té doen onthoofden, en op een rad te leggen, welk wreed nootlot hy hadt moeten ondergaan ,fchoon hy tot het laatftè zyns levens, 't geen hy tevoren beleden hadt, herroepen en ontkent hadde. Ten zesden, dat hy den Domdeken Herman van Loc~ borjl by hem ontboden hebbende, metverleeninge van vry geleide, op het Slot ter Hor/ï elf dagen hadt doen opfluiten, en door alle middelen, zelfs door zware dreigementen, hadde getracht daar toe te brengen, dat hy zyne Decanie ten behoeve van eenen, neef van Sweder zoude afftaan. Dat hy den- zelven, zulks volftandig blyvende weigeren, van het Slot fchandelyk hadde doen ryden op een klein veulen peerd, in verwachtinge , dat des Domde- kens vyanden hem zouden onder weeg aantreffen, en zoo niet doodflaan, ten minften gevangen kry- gen. Ten zevenden, dat Siaeder alle die hem te- gen waren, zoo geeftelyke als weereldlyke, overal deed vervolgen, jaa zelfs doodflaan, voorgevende daar toe oorlof van den Paus omfangen te hebben.
Be-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1427. JAARBOEKEN. 34?
Beflüitende de Staten uit dit 'allesfdatSiyftferwas
een meineedige, verbreker en overtreder der rech- ten, een overbrenger en vervreemder der Kerke- lyke goederen, manflachdg, te banne,irregulier, onwettig, en met menigerlei misdadenbefwaard>, en vermits zy geen gehoor konden krygen by den Paus, die hen recht weigerde , dat zy onder be* tuiginge van altydt te willen blyven onder de ge- hoorzaamheit der Kerke, zich beroepen op eene algemeene Kerkvergadering, enopden Paus, die daar dan wezen zal, gevende hier van tot reden deze opmerkelyke woorden : Want by belikeniffe^ gelyck de' tafel van den fcepe te live hout den genen, dïe daer op compt, na dat dat fcip gebroken is, alle lopen ivi totten Concilium der gemeenre Kerke, fa ons dat hooft recht <voeygering deet, als tot den taf el des fcips ywelk Goncilium weder maeckt totter fallg- heyt die verdrukt zyn ende 'by hem blyven.
Ook heeft de Raadt dezer Stadt wederom fchef*
pelyk' op ftraffe des doods, by openbare kloklui- dinge doen verbieden , in de Stadt of Stadts vry* heit :te brengen , te tonen of te lezen , of doen lézen of tonen ,heimelyk of openbaar, eenige Pau» bullen , procefTen , dagebrieven, manebrieven, banbrieven, of andere Roomfche brieven, by da- ge of by nachte , ter tydt toe de algemeene Kerk- vergadering uitfprake zoude gedaan hebben,' of dat de Paus openbaar recht doen zai , en herroe^ pen zal hebben alle bullen, proceiïèn en brieven, ten onrechte tegens hen uitgegeven.
Niet tegen (taande Biffchop Stveder aan zoo veele
gruwelltukken fchuldig , en met zoo veele euvelda- den befmet was, die hem eer aan eenen wreedenen bloetdorftigen dwingelant, dan aan eenen Kerken- herder gelyk maaiten > die zyne kudde zachtmoedig
lei-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
34B UTRECHTSCHE 14*7.
leiden en regeeren moet; zoo waren 'er echter
noch veele onder de Geeftelyken, die, onder voor- geven van te gehoorzamen aan de beveelen van den Paus, hem aanhingen,zoo dat eenige Cano- niken uit alle de vyf Capittelen de Stadt Utrecht verlieten, en zich t'Aernhem neder zetteden, en van daar uit name der vyf Capittelen hunne beflui- ten uitgaven; 't welk zoo verre ging, datzySwe- der volmachteden om geld op te nemen, en daar voor te verpanden de jaarlykfche inkomflen des Biflchops, en zyne tafel-goederen, den Biflchop tot onderhout toegefchikt. (i)
Tot de gedurige uittochten tegens de vyanden,
wierden eenige wagenen en paerden .vereifcht rer overbrenginge van 't geen ter uitvoeringe der voor- nemens nodig was,en vooral inhetwinterfaifoen; waarom de Raadt dezer Stadt des Vrydags na onzer Vrouwen dag conceptio by openbare klok- luidinge alle, die in de Stadt en Stadts vryheit woonachtig waren, en bouwden, gelaft heeft hunne wagenen en paerden gereet te houden, om de Stade te dienen op zeker loon, zoo dat die bouwden met eenen geheelen ploeg , leveren moeden een wa- gen met vier paerden , die met eenen halven ploeg, een met twee paerden, en zo voorts, elk naar zyne bouwinge, onder verbeurte van tien ponden.
Buitengewoon zyn in dit jaar de onkoflen ge-
weert, die de Stadt heeft moeten maken, hebben- de ik gevonden, dat in de rekening van den eer- ften Cameraar, de ontfangftbeftaanheeftin 85932. ponden acht ftuivers en drie duiten , en de uit- gaaf in 159357. ponden en elf duiten, en dat hy 4us meerder hadde uitgegeven 73424. ponden
twaalf
(i) Ziet Matth, toffl. ix. Anal. p. 4.07, |
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
1428. JAARBOEKEN. 349
twaalf ftui vers en acht duiten. En hebben de Staten
een mergengeld uitgefchreven hebben, om de on- koften hunner proceduren, te Romen cegens Bis- fchop Siveder gevoert, goet te maken.
1428.
In denjare 1428. zyn deze navolgende tot de
Regeeringe verkoren.
- .
Schepenen."
.
Vrederic van Drakenborch.
Johan Pot.
Braem van Landskroen.
Willem van Nywenvek.
Dirc Grawert, Borgermeyfter.
Jonge Jan van Lichtenberch.
Jan^Trinde.
Jan de Coninc.
Jan Sloyer.
Vranc Goderts zoen.
Peter van Snellenberch.
Reynier Utenham.
. Raeden.
,r
Johan Zittert.
Herman Grawerj.
Huge Goyert.
Ermbrecht over Ryn.
Eerft van Gruenewoude Jans zoen, Borgermeyfter.
Ghifebrecht Boll.
Claes Aelbrechcs zoen.
Peter Terinc.
Ja-
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
_
|
||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
85» U T R E C H T S C HE
Jacob Yrenck.
Gheryt de Haen. Johan Ghifebrechts zoen. Johan Gerycs zoen. Evert van Voskulen. Johan Wuftinc. |
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
Johan Walmer
Johan Keteler. |
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
RoelofFvan den Zyle.
Weemmer van Maerfen, Herman de Gruter» |
|
||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||
|
|
Geryt van Hensbeken.
Herman die Vroede, . Reynier Modde. Dirc van Houdaen. Herman van Steenre.. |
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
Oudermannen.
Willem Schade. > Wantfniders
Bertdmeus Soudenbalch. '
Johan Knyff. \ c 'A
Claes van Gruenenberch. l
Henric Hafert. » Racker.
Dirc de Goyer Henrix zoen. *
"\ATi"ll*>m iron r\e>r \Wr\prr
|
|
||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
Beernt Proys. i T
P.aei Sceffeni zoen. > Louwers' .
Hen»
|
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
14*8. J A A R B a E K E N. 351
Henric Jacobs zoen. T ,
Wouter Stevens zoen.> W°lle^ver*' Lodewichde Wael. -> ,/r , , Herman de Witte. > Marsluden' Willem van Weelde. TT, i , Tohan van Tyel. > Bo«erluden- Tacob Veen. ^ ïideman Vos. > |
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
' >
|
|
||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
Huge Walmer. 7 *-, ,
Jacob Dircx zoen. > Graeuwerkers.
Ghifebrecht Louwerens zoen. T r>- mr-j0
GhifebrechtKeifer. Riemfmders.
Peter Stevens zoen. -, ,,
Willem Arnt Willems zoens zoen. f ^mouvi
fohTn ^ÏBenfcoep. > Smeden'
Claes Florens zoen. "l 7 tl l
Geryt Geryts Boudens zoens zoen. * a
In het begin van dit jaar heeft Vrouw Jacoba
van Beyeren den Borchgraaf van Montfoort Jo- ban verleit met de HeerJykheden van Linfchoten, Hekendorp en den Weert , 't welk door Hertog Philips van Bourgondien den zesden September van dit jaar is bevefticht. (i)
Om
(i) Ziet Matth. de Jure Gladii KI. p, 169. & 171.
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
35* U T R E C H T S C H E 14*8.
Om deStadts macht" ontzachelyker tedoenzyn,
en meerder volk in 't veld te konnen brengen regens hunne vyanden, hreeft de Raadc op Palm-avonr, by klokluldinge gelaft, dat alle , die jaar en dag in de Stadt hadden gewoont, de Stadt zouden moeten dienen , en uittrekken als de klok floeg, zoo wel als andere borgeren en onderzaten, op verbeurte , indien zy dit bevel niet opvolgden, van met hunne Vrouwen en Kinderen , vyr jaren uit de Stadt en een myl van daar te moeten blyven. BifTchop Svieder en zyne begunftigershebben zich geftadig bezig gehouden , en overleg ge- maakt, om, dewyl zy den Poftulaat noch de Stade Utrecht door macht van wapenen niet konden be- machtigen, dezelve door lifttevermeefteren. Dus verhaald Heda , dat 'er verfcheide zamenfweerin- gen, zelfs tot achtien toe,zyn ontdekt en te niet gelopen. In dit jaar vinde ik in het Buurfpraak- boek, dat Aernt Proeys, Vrydag na Paafch dag, eenen oploop in de Stadt verwekt en getracht heeft eene gemeene bloetftortinge en manflag over de gantfche Stadt te maken, en derzelver vyanden ter uitvoer zynerbloeddorftige voornemens in de Stadt te brengen. Uit wat oorzaak deze verbitteringe van Aernt Proeys tegen s de Regeerders der Stadt gefprqten zy , is my onbekent, en ik heb zulks niet konnen ontdekken. Hy moet een wreevelig, bloetdorftig en ontaart menfch geweeft zyn , zynde hy de zoon van den Borgermeefter Beren? Proeys, die, ten tyde van de inkomft van Biflchop Sweder i zoo wreedelyk was vermoord,zoo alswy hier voor verhaald hebben. Dus heeft hy aangefpan- nen met de moordenaars van zynen Vader, tegens die genen., die de vrienden van zynen Voortteeler geweeft waren , en .aan welker voornaamfte hy
nauw
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
1
|
|||||||
|
|
||||||||
|
|
ARBOEKEN.
|
|
||||||
|
|
353-
|
|||||||
|
|
||||||||
|
|
||||||||
|
|
nauw vermaagtfchapt was. Hoe hy dit begonnen
en getracht heeft uit te voeren, als mede het ge- velde vonnis van den Raadt', ftaat in het Buur- fpraakboek van dit jaar Donderdags na Pirmer- dag , op deze wyze aangetekent: Want jirm Proys mit opfet genuapent, om gemene bloetftortinge doer onfe Stat te doen , op ter plaet/èn gecomen ts des Vrydages nae den heiligen-P aefchdage lefte le- den , ende beeft dat bewifet mit ten werken, yerfte an onfen Overften, die hem in maejftappen ende in vren/cappen te gemuete quanten, hem te vragen sn~ de doocbdeliken tonderwyfen, wat by yn fïnm bad~ de, op die felve Over ft e verradelike gevochten, die gewent ende > neder ge/lagen beeft, ende meer onfer borgere , om die bloetftortinge te beginnen , ende voirganger of te wafén, ende die te volbrengen, die hem ontweken gevree/t beeft, ende daer tot felver tyt Claes van Zoden onfer borger, die in rechter vrenfcappen tot hem quam, ende vraecbde hem, of hy yet begerde , dien hy daern boven moortdaliken, ende /'onder buede , doert lyfgeftoken beeft, daer Claes aen geftorven is, ende bier toe opfat getnaect ende overdragen heeft mit onfen vianden,die: tot de~ fer ondaet ende bloetftortinge in onfer Stat te bren~ gen. dljb die Raet alle aefe ondaden voïrfcreven daerliken ter waerbeit gevonden heeft, daerom ver- biet men>Arnt Proys die.Stat ende 't lant van Ut- recht (i), van ver r ader ten ende van moirde ewe- üken op fynlyf. ende yemant die Arnt Proys vengge, en onfer. Stat doen levende leverde, dien wil die
Raet
. '
(i). Aanmerkelyk is het, dat de Raadt hem niet alleen uit
de Stadt , maar zelfs uit het land van Utrecht gebannen heeft, 't welk een bewys uitlevert van haar groot gezag in die tydcn.
'7
*
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
||||
|
|
354 UT R E C H T S C H E 14*8.
Rjtet geveft t-veee bonden HoUandfe fchilden. Hoe
hy naderhant in hechtenifle gekomen en gevon- nifl is, zullen wy op 't volgende jaar -verhalen.
iKort na dezen geftildeh oploop, heeft de Raadt
ter klokkeopentlyk doen bekent maken, dat alle, zoo Mannen als Vrouwen , die tot hunne jaren gekomen waren, te weten die twintig jaren out wtren en daar boven, Welke niet ter kerke gin- gen, en de IVlifle en Godsdienft nietbywoonden, wèkelyks zouden verbeuren eene Beyerfche gul- den, welke de Kerkmeefteren der vier Parochie kerken, by bunnen eedt daar op te doen, ieder in zyn kerfpej zouden opbeuren,de helft ten voordeele der Parochie-kerken , onder welke de bekeurden woonden , én de andere helft tot Stadts behoef', mét uitdrukkelyke laft aan de Kerkmeefteren, daar van alle veertien dagen bericht te doen aan d«n Raadt. ,
Schoon dit Raadts-befluit fchynt te bedoelen de
bevorderinge van den uitterlyken Godsdienft, om de meqfchen yveriger te doen zyn in het horen der Miflen en vordere openbare Godsdienft-oefie- ningen, , in .dien tydt gebruikelyk, zoo konde dit middel ook zeer gepail zyn ter ontdekkinge der geenen, die Bifïchop Sineder bleven aanhangen, en om dus te weeten, wie des Raadts verborgene vyanden waren, die gedurige zamenfweeringen in hunne Stadt fmeedden, en gelegenheit zochten, om BifTchop Sweder wederom binnen te brengen. Want deze, gehoorzamende aan den ban tegens den Poftulaat en den Raadt der Stadt door Sweder uitgeblixemt, en voor al aan het verbod aan de Gee- ilelyken gedaan,van eenige openbareGodsdienft- oeffeningen te plegen, kwamen niet ter kerke by die Geeftelyken , die de beveelen van Blflchop |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1428. JAARBOEKEN. 355
Sweder verfilmden , en de andere Geeftelyken,
die daar aan gehoorzaamden, waren meeft uit de Scadt geweeken, of,zoo zy gebleven waren, had- den opgehouden de kerken-dienden te doen. Dus konde door dit nauw onderzoek en bekeuringe der geene, die den uitterlyken en openbaren Godsdienft niet waar namen, de Raadt kennen, wie die gee- ne waren , die het met Sweder hielden, en van welke zy niets goeds te wachten hadden.
Ik heb hier boven verhaald, dat de Poftulaat,
als mede de Ridderfchap en de Raadt dezer Stade de Geeftelyken, die op het land en in de Stadt den dienft bleven waarnemen, in hunne befcherminge hadden genomen, voor al met betrekkinge tot hunne goederen en renten. Door dit middel wierd het verder verloop gefluit, en veele, volgens het fchry- ven van Heda, die geweken waren, kwamen we- derom, om 't genot hunner inkoraften, en dus een middel van beftaan te hebben. Entenbewyze dat de Regeerders dezer Stadt aan hunne verbin- tenifle hebben voldaan, hebben zy al vroeg in dit jaar befloten aan het Capittel van S. Jan te gevon vier hondert en vyftig mudden haver, (i)
Bis-
'
(i) Dewyl 'er dikwerf in onze Raadtsboeken gewag ge-
maakt wort van den Haver van S Jan , welke de Stadt jaarlyks ppbragt aan het Capittel van S. Jan , zal ik om den oorfpronk daar van te ontdekken, hier opgeven de briïven, myns wetens noch niet gedrukt, zoo als ik die in een onzer Stadt: Copieboeken gevonden hebbe , waar uit blykt , dat die Haver tot een erfpacht gegeven is voor eenig land tot de Prooftdye van S. Jan behorende , gelegen buiten de Wcerdpoort in het gerecht van Hogelande, welke de Stadt nodig hadde ter verdiepinge en verbredinge van de ri- vier de Vecht. Te meer achte ik het niet ondienitig deze brieven hier in te voegen , om dat tot dezen huidigen dag aan het Capittel van S. Jan deze erfpacht word betaalt, niet
Z a in
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
35<5 U T R E C H T S C H E 142».
in haver , maar in geld, gerekent naar den prys des haver?.
De Brieven luiden aldus:
NOS Nicolaus de Steen , Dei gratia Prepofitus & Ar-
chidiaconus Ecclefie Sanft'i Joh.mms Trajeftenfis , faci. ,, mus manifefrum , quod cum Godefridus Vaflradi ex loca- tione fibi fadla a predeceffore noftro , de confenfu Capitu- ,, li noftri omnes agros fitos in Hogelande, ad noftram Pre- ,, pofituram fpeftantes, poffideat pro annua penfione colen- dos, datis fupep hoc literis fub hac forma j JobatinesDei gratia Prepofitus & Archidiaeonus Ecclefie Sanöi Johannis Trajeftenfis , omnibus prefentia vifuris notum Facimus, quod nos de confenfu Capituli noftri Godefrido Vajlrado , }, prefentiuro confervarori, quoad vixerit, & poft ipfum uni j, heredi fuo , fcilicet filio vel filie , fi filium non habuerit, ,, ab ipfo legitime defcendenti, &, fi absque liberis deceffe. ,, "rit, Henrico fratri fuo, quo ad Titam fuam , omnes agros ,, tioftros , fitos in Hogenlande , colendos eontulim«s pro quadringentis modiis avene, dative & legaliter fex modii» ,, avene minus, quos folvet Gerardus de Moge lande, &ipf& j, Godefridus, vel fucceffor ejus, ut promiffum eft, Officia- ,, to noftro fatisfaciet certis temporibus, ad ferviendumCa- ,, pitulo antedifto , Si infuper ipfe habebit utilitatem de a- ,, vena ad diftam terram co)endam , dumtnodo foveas im- ,, plcat , & iu debito ftatu conk-rvet tcrrr.m iupra dictam. ,, Et ipfe dabir Officiato noftro, vel ejus heres, ut didum ,, eft , optimam avenam , quam inveniet ad emendum, Sc j, etiara ei, .vel ejus heredi pro tempore extanti , de quoli- ,) bet modio denarius refundetur. Ét omns impedimentum 3, de aggeribus, & omne dampnums quod idem Godefridus, ,, vel eidem- in diflis bonis fuccedens, öccafióne noftra & ,, Csnonicorum Sanéli Johannis predidte receperit, hoc ipfi ,, ad exiftimationem proborum virorum refundetur, gene- >, .rali pJaga duntaxet excepta. Et nos Prepofitus dabimus diöo Godefrido, feu ejus heredi fingulisanqi-sdecemfolidos ,» Traje&enfes in vigilia beati Remigii perfolvendos. In cu- 3J jus rei memoriam prefens fcriptum difto Godefrido contu- ;, litnus, figillis noftris &. Capituli noftri roboratum. Da- rt turn anno Domini M. & nonagefimo fexto (NB, ditiseea Ichryffour , zynde overgeflagen CC'J moetende deze brief in 't jaar 1296. gefchreven zyn) in craftino beati Ramigii. ,,,Nos demum tempore, quo cariftia frugum eiTe ceperit 3, propter habundanthm aque pluvialis, timentes de pcnfio- ,, ne noftra predi&a defraudari , fruges in didlis agris tune 5, exftantes ad cautelam fecirous arreftavi. propter quod di- :, ilus Gvdefridas pro dicta arreftatione redimenda, & pro
difta
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
14*8. JAARBOEKEN. 357
,, difta penfione folvenda, nobis cnnftituit fidejuflbres pro
,, fe , videlicet Jobannem Rotardi civem Trajeftenfem , & Wilhelmum Godefridi de futfaes , fub hac conventione , ,, quod fi diöi fidejnffores occafione didte fidejiiflïonis ali- 33 quod dampnum incurrerent, vel expenfas facerent , quod ,, diftos agros five terras predictaspoflideredeberent eojure, quo diftus GoAefridtti Vajlraet eos poflidet, prout litere pre» » deceflbris noftri fuperius prenominale loquuntur de, Gorff/rj- ,, </» Vaftradi fupra di&o, donec omnia dampna& expenfas, >, que & quas propter hoc fuftinuerint & fecerint, integre recu- peraverint & complete, & de hoc ftare & credere debet fim- j, plici difto eorum&cuilibeteorum,falvapenfionepredifta, 5, nobis & fucceflorinoftro, juxtatenoremdiftarumliterarum predeceffbris noftri annis fingulis perfolvenda. Ita ramen, a, quod difta poffcflio di&orum fidejufforum ultra tempus vite 3, illorum , qui in diftis literis predeceflbris noftri fïent in- ,3 fcripti , non duraret. Quibus fic aftis diftus Godefridut ,1 Vaftradt literas predift«s , fuper didis terris a predecef' ,, fore noftro obtentas j didis fidejuflbribus fuig coram no- ,, bis refignavit , nos rogans inftanter, ut dicïis fidejuflbri» 5, bus fuis , ob firmiorem fecuritatem eorum , noftras dare^ ,, mus literas fuper omnibus fuperiug enarratis. Nos igitur ,, diftorum fidejufforum indempnitati confulere volentes , 3, tam propter veritatem rei ficgefte, quam propter dit«m, 5) five pertniflionem , pronuntiationemque reverendi Pat^is, Domini Guidonis Epifcopi Trajcftenfis , qui controver- fiam prenominatam , inler diftos fïdejuflbres &nos, occa. fione premiflbrum exortam , terminavit,premiflisomnibus ,, una cum Capitulo noftro confentimus , & in teftimonium ,, & roboris firmitatem premiflbrum prefentcs litertts di&is "J-obavni & Wilbelmo fidejuflbribus tradidimus, figillisno- ftris & Capituli noftri figillatas , & nos talium antedifto- j, rum confitemur ad diclum Epifcopi & ad preces Prepofiti prediélorum premiflis omnibus cotifenfiffe, & figil'um no- ,, ftrum prefentibus appofuiffe in teftimonium premifforum. datum anno millefimo CCC. decüno fexto feria fexta poft feftum Nicolai Epifcopi.
Onder dezen brief ftont: Nota. Denarius de quolibet modio
refandendus, tritdenarius nigroram Turonenjittm , quorum xn. faciutit folidum ,&<uigintifolidifaciunt libram, &P libra nigra- rum "fttronenfumjuxta ordinationem bent memorie Aomini Gut' donis Epifcopi Traje&enjis <uaht novem ptacketi Dordracenfes.
lu de betalinge van deze erfpacht , die de Stadt'jaarlyfcs
doet aan helCapittel van S. Jan, word voor den flvartcn tour- noys afguroKk$n -den twaalfden penning.
Z 3 De
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
UTRECHTSCHE 14*8.
De uitfpraak van Biffchop Guido over het verfchil tuffchen
den Prooft Nicolats, die ook Colyn genoemt wordt, t ziet Drakenborcb Aanhangzel op de Kerkelyke Oudheden van Ne- derland bladz. 186.) en tuffchen de voorgemelde borgen, is van dezen inhout:
,, Guido Dei gram Epifcopus Trajeftenfis, univerm pre.
,, fentia vifuris falutem, cum noticia veritatis. In queftione dudum haftenus inter dominum Colinum Prepofitutn Ec. clefie fanéti Johannit Trajedenfis ex una parte, & Johan- ntm Rotardi , & Wilhelmum Godefridi ex altera ventila- j, ta, compromifltonem in nos fufcepto , vel ab eisdem par- ,> tibus hinc ét inde exquifitum exquirendum , & confidera- ,, turn confiderandum , difcretorum ufi confilio &proborum t Provincia noftra Traje&enfi : videlicer quod Jobannet & Wilhelmus prediöi fatisfacient integre de quadringen- ,, til modus avene , minus fex modus avene , temporibus j, debitis & Confuetis , pro pafto prefentis anni, de terris ,, memorati Prepofiti , quas poflident Jobannes & Wilbel- mus memorati. Preterea idem Wilhelmus & Jobannes ,, folvent jam di&o Prepofito pro ducentis & quadraginta ,, quatuor modus avene, qui de pa^o anni proximi preteri- ti reftant adhuc folvendi, pro quolibet modio (édecim fo- lidos nigrorum Turonenfiura. Et nihilominus quumdiftus ,, Prepofïtus ipfi Johanni de quadraginta modus avene per jj^eundem prefato Prepofito eodem anno preterito mutuatum 9) exfolvit viginti quinque folidos nigrorum Turonenfium ,, pro quolibet modio avene detento, & nunc duntaxat fe. j, decim folidos recuperabit de quolibet modio avene deten- ,, te de pafto ejusdem anni preteriti refundet idem^ J-ohan- nes difto Prepofito de quolibet diftorum quinquagintatno- ,, diorum novem folidos difte monete ad gratiam ipfiusPre- ,, pofiti , pro fue benignitatis arbitrio faciendam. Infuper ,, idem l'repofitus fepe diftis Johanai & Wilhelmo procura- ,, bit Jiteras, fui & Capituli fui fandi Johannis Trajeétenfis figillis figillatas , fub hac forma & tenore, quod prefati ,, Johaanei & Wilhelmus poflidebunt diöas terr.is omni ju- ,, re , prout litere ejusdem Prepofiti & ejus Capituli tenent, fe Godefrido Vafradi fuper diöis terris date loquuntur, ,, & ad tempora vite infcriptorum in eisdem , donec omnia dampna, que difti Jobannes & Wiibelmui occafione difti 3, Godtfridi Vafradi, & diftarum terrarum pertulerunt & perferent, recuperaverint ad fimplex difturo eorundem, falro fcpedifto Prepofito pado (uo , fibi juxt» tenorem diöarum literarum annis fïngulis perfolvendo, prefentium j, noftrarum literarum tsftimonio. Datum anno Domini
,> MCCC
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||
|
|
.
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
||||||
|
|
!4a8. JAARBOEKEN. 359
MCCC. feptimo decimo, in vigilia Nicolai Epifcopi.
Hoe nu de Stadt aan dit land gekomen is, en op welke
voorwaarden, blykt uit deze twee navolgende brieven:
" Dit zyn die voerwaerden , die gemaeft zyn toffchen
" Heer Aernt Loef Proeft, ende den Deken ende gemene Ca» " pittel van funte Johan t'Utrecht aen die een zide, ende " den geinenen Raat , ende gemene gilden der Stadt van " Utrecht aen die ander zyde, dat die Proeft, Deken ende " Capittel voerfeyt mit ganfen beraden hebben gegeven mft " gemenen confente Heyne Roelof borger t'Utrecht, ende " zinen erfharaen, op enen ende den outften te comen tot " enen erfpacht ewelike te duren , die fel ingaen, alfe Va~ " jteraet van den Enge niet meer en is , dat goet ten Enge, " gelegen op 't hoge lant by Utrecht, dat des Goedshuys is " van funte Johan voerfeyt, ende dat Jan Heer Roetaerds %
" foen , ende Vaftraet van den Enge nu in pachte hebben
" van den Heren van funte Johan, ende der Proeftyen voet' " fcreve, mit allen dat daer toe behoert, ende behoren mach " milten rechte , om vyftehalf hondert mudde haveren sjaers " te betalen &c. ,alfe J-aas brief Heer Roetaertfone hout, in " maniere,dat die Stat van Utrecht doer dat voerfcreveRoet " by den Here wille voerfcreve, endeby eonfent J-ansHesT " Roetard fone, ende Vaflraet van den Enge, die nochrech- '' te aen dien goede hebben, als hoer brieven fpreken, een " diep uter Vecht, «nde weder in die Vecht , gemaect heb- " ben, dat mitten wegen, die daerbefyden gaen, hout en- " de houden fel aen die brede fes roeden na die Stichtfe " maete. Ende want dat erve alfoe doorgegraven, mitten " wege voerfeyt loopt op de maet vau drien mergen, foe " heeft die Stat in dien verfette den Goedshuyfe van funte " Johan voerfcreve totter Proeftyen behoef weder gegeven " drie mergen lants gelegen &c. welke drie mergen Heyn " Roelof voerfcreve, ende fyn erfnamen hebben fullen mit- " ten anderen goeden in erfpacht, ende in dien felven pacht. " Voert foe heeft die Stat den Heeren voerfcreven in die " hant gefet een halve hoef lants gelegen &c. in manieren , " waer dat zake , dat Heyn E.oefof voerfcreve , of zyn erf- " namen dien voerfcreve pacht met en betaelde in allen ma- " nieren, als voerfcreven is, foe vielen hy ende fyn erfna- " men van allen' rechte, dat ry aen delen voerfcreve goede " hadden, alfoe veer als die Proeft, die in dien tiden ware, " dat opnemen* woude, ende nochtant waer hy fculdich dien " verfetenen pacht te betalen , ende die halve hoeve zoude
" die Proeft tot zynre Proeftye dan vrylike blyven; mer dat
" diep ende wrge voerfcrcve fouden blyven eweliken, alszy
Z 4 "nu
t
;
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
36o UTRECHTSCHE 1428.
" nu gemaect zyn; behouden dat die Stat datdyep ende we-
" gen voerfcreven vergraven ende vernyen Imoegen tot ha- " ren oerbaer, alst hem goetduncr ende behouden den Proeft " voerfcreve , ende zynre Proeftyen , al zyn rechts vryes te " water ende te lande. Ende voert waer dat zake, dttHeyne " Koelof voerfcreve, of zyn erfnamen, dien erfpacht van defen " voerfcreve goede verfuymde , ende die Proeft dat goet " opname alfoe, ende in allen manyeren, als voerfcreven is, " foc fonds die Stat van Utrecht voerfcreve die Heren voer- " geuoemt voldoen van allen gebreken, dat zy hadden van " des lefte jaers pacht des voerfcreve goeds. Voert waer dat " zake , dat Johan ende Vaftract voerfcreve quyt fcelden " wouden fulc recht, als zy hebben aen defen voerfcreve " goede, foe foude Htyn Roelof voerfcreve , ende zyn erf- " namen, alfoe lange, als defen voerfcreve Vastraet leeft, " dat goet hebben iu allen defen voerwarden, als die brie- ". ven fpreken , die Johan ende Vajlraet voerfcreve op dat " goet nu hebben,
" Wy ghetnenen Raet ende gilden der Stat van Utrecht
** doen verftaen allen luden, dat wy mit ganfen berade, om ." oerbaer onfer Stat voerfcreve , over een gedragen zyn " mitten eerfamen luden, Heren Aernt Loef Proeft» milten " Deken , ende mitten gemene Capittel tot funte Johan " t'Utrecht in voerwaerde als een cedel hout, bezegelt mit " onfer Stat zegel, daer defe brief doer gheftoken is : ende " hebben die Heren geloeft van funte Johan voerfcreven , " dat wy tuffchen dit ende funte Mertens dage in den wyn- " .ter naeftcomende, volwaren fullen ende voldoen den He- " ren voerfcreven in allen manieren, als die cedel hout,eri- " de die meiiinge daer of is, fonder alderhand archeyt: be- " houden des waer dat zake, dat wy by onfengenoegen bin- " nen defen tiden niet gecrigen en mochten binnen des voer- -".fcreve Proefte gerechte alfoe veel erfs als die mate belo- " pen fal van den dyepe , dat wy graven fullen , ende van *' den wegen, die daer by leggen fullen , dat wy den voer- ", fcreven Heren geven alfoe veel hoffteden binnen Utrecht, " die alfoe goet wefen fouden, ende alfoe veel fouden mo- " gen renthen , als dit voerfcreve erve renthen foude mo- " ghen, by leggen Heren Aernt Proeft voerfcreve, Meyfter " Huge Vuftinc Canonic ten Doem, ende Here Henric van " den R.yn Canonic tot finte Jan voerfcreve, ofte hoer twyer " van hem dryen, waert dathoere een niet feggen en morh- ",,te of en woude in manyeren, dat wy binnen een jaer, dat ? naeflcomen fel, na fiute Manensdage voerfcreve, die voer- " fe/de hoWeden befcudden ende weder aen ons loffen mn-
"gen
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
14*8. JAARBOEKEN. 361
" gen mitten erve voerfcreve , als die cedel hout. Mer en
" loffen wy der niet , foe fouden die hoffteden den heren " voerfcreven bliven in alle die fteden , alfe dat erve zoude " gedaen hebben, dat wy hem bewyft zouden nebben, al» defe voerfcreve cedel hout. Waer oec dat ïake, dat wy " mftter voerfcreve voerworden , als die cedel hout, ende hier voer ghefeget is, binnen defer voerfeyder tyt funte " Martensmifle naeftcomende niet en volvoeren , foe verlo- ren wy een p«en van vyf hondert pont zwarter tornoyfe , " tot der Heren behoef voerfcreven. waer dat wy hem die " pene voerfcreve niet en betaelden , noch wt en reykendc, " foe fouden wy , of twe goede mannen, die wy voer ons " dan leggen fullen, ende onfe borgen, die wy hier opheb- " ben gefet, mit ghefamender hant, ende elc voer al, alfe " Johan Here Rotaerd fone , Ghysbert uien Werde , Hen- " ric van Leuwenbercb , Ghysbert Gunter , Aernt van den ' Vtlde , Johan Afotkyn , Dirck Romer , Jacob van den " Steenhuyi , Willam Hout , ende Mengde Heyne , onfe " borgen, te maninge des Proeft van funte Johan voergenoemt, " of des genen , die daer Proeft wefen fa! in den tyt, of " fyns fekers bode, incomen ibnder enich wederfèggen, al- " foe wie eerft gemaent wort, die (al cerft incomen binnen " Utrecht in ene herberghe, daermen ons inwyft , aldaer de* " dages rechte maeltydente eten, ons felven te winnen,van " daer niet te fceyden. noch onfër geen en mach mit fyn " aendeel quyt wefen van defer voergenoemde pene, dien " Heeren van fintejohan voergenoemt. en fyn van defe voer- " fcreve voerwaerden voldaen in allen manieren , als voer» " (breven is, mitten coften, dien fy deden om ons ende on- " fe voerfcreve borgen in te manen. Ende foe wie dan on- " fen voerfcreven borgen dan lage voer ander fcout, of fel» " ve niet leyften en mochte, die fal voer h«m leggen enen " anderen goeden man. Ende waer dat zake, dat enich van " onfen voerfcreven borgen hieren binnen ftorve, dat God " verbieden moet, fbe feilen gemene R»et ende gilden der " Stat van Utrecht, principaele facwouden voerfcreve, fet. " ten enen anderen goeden man in des'genen flat, die van " onfen voerfcreve borgen geftorven xvaer, binnen viertien " dagen na fynre door, of wy, ende die gene, die van on- " fen voerfcreve borgen te live bliven , fullen daer voer in " comen leyften, als voerfcreven is, alfóe langh ent wy enen " anderen goeden borge hebben gefet int des dode ftede. " Ende waert dat yemant van; ons hier of fyn trouwe verbra- " ke, dat God verbieden moet, daer mede en moegen hem " die ander niet befchudden , noch die Proeft voerfcreije
Z 5 " of
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
.
|
||||
|
|
|||||
|
|
||||||
|
|
364 UTRECHTSCHE 1428.
" ef zyn gewaerde boden, ende is nyemant fculdich trou-
" weloos te fcelden noch te verwinnen mit enigen rechte, " fci en wilt doen, noch men feit hem niet vergen.
" AJle die voerfcreve voerworde geloven wy gemene Raet
" ende gilden der Stat van Utrecht , faecwoudige voerfcre- " ve j ende wy Johan Here Koetard Toen , Gyshrecbt nten " Weerd , ütnric -van Leuwenberch , Ghyibrecht Gunter , " Aerndt van den Velde , Johan Alvettyn , Dirck Reemer , " Jacob va» den Steenbuys , Willem Hout , ende Mengde " atynty borgen voergenoemt, mit gefamender hant , en- " de elc voer al, mit goeder trouwen, ende fonder alrehant " archeit, vaft endeftade te houden, ende vol te doen. En. " de op dat dit vafte ende ftade blyft, foe hebben wy mene " Raet ende gilden der Stat van Utrecht onfer Stat zegel , " ende wy borgen voirgenoemt ons felfs zegelen aen defen " brief gedaen. Gegeven in 't jaer ons Heren dufent drie " hondert ende achten dartich , de» yrydachs voer Pynx- " teren.
Ik bidde den Lezer om verfchoninge, zoo het hem vervee-
len mochte dit bovengaande hier te zien ingelaft, hebbende de verfchillen, die de Heeren Regeerders dezer Stadt zedert cenige jaren met de andere Leeden der Regeeringe over het verdiepen van den Vaartfchen Rhyn gehad t hebben, my daar anleidinge toe gegeven; dewyl hier uit klaar blykt, dat de Stadt niet dan onder zeer koftbaare voorwaarden dit land verkregen heeft, alleen om de Vecht te verdiepen en te ver- breden, en dus de af en aankomft der fchepen van, tot,en Itngs hunne Stadt gemakkelyker te maken; enkoft deze erf- pacht noch jaarlyks doorgaans omtrent vier hondert guldens, en ook wel daar boven, zynde eene grote fomme voor zoo weinig lands. Als men hier by aanmerkt, dat de Stadt in iet begin van de zeventiende eeuw plechtig met de twee an- dere Leden van den Staat over een gekomen is, om niet al- leen dat gedeelte van de Vecht, maar zelfs van buiten de Tollefteeg-poort , de grachten langs de Stadts Cingels en zoo voorts kngs de Weerd , te verdiepen en vaarbaar te houden , op dat de Vaart uit de Lek tot in de Vecht al- tyd open en bruikbaar zoude konnen eyn , en de Staten zich verplicht hebben den Vaartfchen Rhyn behoorlyk te diepen, en dat de Stadt fh'ptelyk aan haar verband voldoet, en hun Ed. Mog. hoe dikwils en fterk zedert eenige jaren daar toe door de Regeerders der Stadt vermaant en aan- gezocht , veigerig blyven hunne verplichtinge na te ko- men ; zoo kan men licht opmaken , dat de Stadt eene groote fomme gelds reets uitgegeven heeft, om niet alleen
ten
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||
|
|
H28. JAARBOEKEN. 363
Biflchop Sweder heeft by eenen brief (i) die van
Cuylenburch beveiticht in hunne tolvryheden door bet Sticht, waar van zy zedert eenigen tydt geen genot hadden gehadt, immers waar in hen , ze- dert zy den voornoemden Biflchop hadden aange- hangen , indracht gedaan was ; en dat voor de trouwe dienften, die zy hem gedaan hadden in dit jaar, wanneer Jan Heer van Buuren, en Prooft tot Aken , de Stadt Cuylenburch trachtende by nacht te beklimmen, en te vermeefteren, door de borgers kloekmoedig was afgeflagen en zelfs ge- dood. (2)
Na-
ten dtenfte dezer Stadts i*iwoonderen , maar zelfs van het ge-
heele Landfchap , en ook ten voordeel der tollen van hun Ed. Mog. de vaart tot in de Vecht, bekwaam te houden, om door groote fchepen , van boven uit Duitfchland naar Amfter- dam varende, gebruikt te konnen worden ; en dat al dat geld, nu over de drie eeuwen lang door de Stadt ter verdiepingeen Terbredinge van de Vecht uitgegeven, boven de groote on- koften ter verdiepinge van de Stadts grachten gedaan, genoeg- zaam te vergeefs verfpilt is. _ En dewyl thans de Vaartfchö Rhyn zoo zeer verland en ondiep geworden is, dat bynageeh
t eisden fehepen daar door kpnnen , en hun Ed. Mog. niet
onnen befluiten ter voldoeninge hunner verbinteniffe dezel- ve te laten verdiepen en uithalen, zoo zal binnen korte ja- ren die Vaart moeten verlopen , de Rhyn-fchippers van bo- ven komende eenen anderen omweg moeten nemen om t'Am. fterdam te komen , en dus de Staten en de Stadt een on- herftelbaar nadeel worden toegebracht.
(i) Ziet Matth. de Jure Gladii p. 378.
(z) Ziet Pontanus en Slichtenhorft in 't ix. Boek der Ge,1-
derfche Gefchied. Hermannu» Cornerus in zyne Chronyk by Eccard. tom. n. Corpor. Hiftor. medii aevi, verhaalt, dat Hendrik van Bueren een aanflag gemaakt hebbende om Cuy- lenburch in te neemen, over de brugge, die over den YJfel gelegt was, Stadtwaarts willende trekken, door het inftpr- ten van die brugge, met veel volk was verdronken, en dut dien aanflag mislukt was;noemende hy de rivier, waarover die brugge gelegt was, den YJJel, in plaats van de Ltk. Poch «P dezes ScVyvers zeggen is geen ftaat te maken. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
S64 UTRECHTSCHE 1428.
Naderhant in het begin van Oogftmaand heeft
Diepholt met Jftllem Heer van Buuren , broe- der van Jan de Stade Thiel zoeken t'overrompe- len , doch te vergeefs , volgens het verhaal van Pontanus en Slichtenhorft.
De Utrechtenaars hebben te dezer tydt eene grote
overvvinninge behaalt op de krygsmacht van Her- tog Philips van Bourgondien, die vyf duizcnt man- nen , meed oorfpronkelyk uit Picardien, en welke hy in zyne bezoldinge hadde, onder het geleide van Roedolfvan Weftkerke, naar het Sticht hadde gezonden. Deze Picarden waren te dezer tydt zeet vermaart wegens hunne ervarenheit in het behandelen van pyl en boog; want volgens de aanmerkingen van den Heer Voffius in het xx. boek zyner jaarboeken , wierden de muskecten te dier tydt niet dan in belegeringen gebruikt. Dit volk aan de Vecht by Breukelen komende, wierden daar wel enigzints door de boeren gefluit, doch zoude dien hoop haaft vermeeftert hebben, zoo die van Utrecht de landlieden niet te hulp waren gekomen; welke met eene grote dapperheit kloek- moedig de Picarden aanvielen, en hen verfloe- gen, ruim duizent van dezelve ter neder vellende, en vier hondert gevangen krygende, in welken ftryt zy acht vaandelen der vyanden bekomen , en de- zelve naar Utrecht gebracht hebben, welke in de Domskerke in zegenpraal zyn opgehangen.
Schoon Heda verhaald, dat in het volgende jaar
eerft de vrede tufTchen den Hertog van Bourgon- dien met zyne helperen, en den Poftulaat, de Stadt en het Gefticht van Utrecht aan beide zyde van den Yflèl, en hunne helperen, getroffen is, zoo vinde ik echter in het Buurfpraakboek van dit jaar, des Saturdags na Elifabeth aangetekem, dat
de
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1428. JAARBOEKEN. 365
de Raadt de borgeren en ingezetenen heeft doen
aankondigen, dat'er een beftand, offtilftandvan wapenen beraamd was voor eenigen tydt, te weten van Vrydags Voor Elifabeth tot alre kinderen dag toe , en dat ook door toedoen van den Hertog van Cleve insgelyks vrede gemaakt was met den Hertog,van Gelre? in te gaan als voren en teduu- ren vief weken lang, welke tydt verlopen zynde, dezelve zoo met Hollandt als met den Hertog van Geire van tydt tot tydt. .verlengt is. Gedurende welken tyd geen van beiden den anderen te water of te land zoude beleedigen, ieder blyven op,zyn grond , zoo nochtans, dat beide de Zuiderzee bevaren, en ook ter verrichtinge hunner zaken komen konden van de Mars tot Kbeenen, als mede te Hoevelaeken en Scberpenzeel; de bodens zou- den vry over en weder' gaan, doch vermochten niet naar uitheemfche Heeren te trekken, of brieven aan dezelve beftellen, (trekkende tot verkortinge van den een of den ander; aan de bezettelingen van het Slot ter Hor ft zoude geoorloft zyn de aan- grenzende Veluwe te bezoeken, gelyk mede Her-. ' tog Aernout, gedurende de byeenkomft, welke op het Slot ter Hor/} was aangelegt, zoo lang hy. daar vertoefde, door het Sticht van Utrecht, en over de Grebbe allen nodigen toevoer zoude mogen bekomen (i). Ditbeftand, met uitfluitinge van Biflchop Sweder, wiens zaak noch den Hertog, van Bourgondien , noch den Hertog van Gelder, zich meer aantrokken, latende hem in zyn geheel en .op zyne wieken dryven, is in bet volgende jaar, in eene vrede verandert, vooralnadatdeverfchil- len tufTchen Hertog Philips van Brabant, en den
Her-
(i) Zitt Pentanus en Slichtenh. ix. boek der Gelder. Gefcb..
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
366 UTRECHTSCHE 14*8.
Hertog van Ge Ir e, door toedoen van Hertog Phi-
lips van Bourgondien waren vereffent, en dus den oorlog, waar toe Diepholt den Hertog van Bra- bant aanporde, voorgekomen was.
Deze bevreediginge was een gevolg van de
zoene, den 3. July te Delft tuflchen Vrouw Ja- 'coba van Beyeren en Hertog Philips van Bour-
fondien gefloten (i), en dus zyn Holland en het
ticht ieder wederom in haare gerufte bezittin- ge gekomen, als wy op het jaar 1430. zullen mel- den.
Ik vinde dat in dit jaar aan Dirk Borren, Sche-
pen Schryver,dat is, Secretaris van het Gerecht, eene nadere ordre, waarna zich te gedragen, ge- geven is ^ welke, vermits in ons Utrechts Plac- caatboek , III. deel, bladz. 263. niet vermeld word, ik geoordeelt hebbe , hier niet te moeten overflaan.
Des vrydags na fïnte Kathrinen dacb , 'is een
raminge gbemaeéH op Dirck Borren der Scepen fcriver , by Scepen , Rade ende de gemene Ouder' mans , in der maniere nabefcreve, daer hy finen eedt in tegenwoerdicheyt V raets op gedasn beeft te houden ende te voldoen.
In den eerften, dat hy hem gene dinck ondervayn-
den en feil, nocb gene dingtael maken en fel, noch belpen maken , nocb raet te geven in enigen faken, die der Scepen recht ruerendcfyn.
Item dair men erfpacht overgeven fel, dair fel
men in den nywen briejfrueren den ouden erfpacht' brief, ende de lefte gifte, die dat goet jaer ende
dacb
.
(i) Welke zoent gelezen kan worden torn. n. Corps Di/
plomat. p. ïi8. |
|
||||
|
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
1429- JAARBOEKEN. 367
dacb befeten hebben, ende de meer overgifte fel men
w'tlaten, endefcriven dat in den nywen brie/", dat een mit allen recht gecomen ende gbevefticbt is, dat V gemaeïï omme de brieven te corten , ende dat ge- mene geit te/paren.
Item felmen van een plecht nemen van fcbriveh
een botken, ende wat brieven dair meerre fyn, dair j'el men afgeven vanfcbriven na den beloop, dat ter vele plechten in fyn.
Item dat defe Clerck en geen erfniffe copen en
ftll, omme voort te vercopen,ojftot yemantsbeboejf.
Item fel de/e derck.finen eedt bier op doen dit te
bouden ende te voldoen * f onder ar gelift, van alle punten voirfcreven , ende hem verwilkoren, ivaer dat by in enige punten bruekicb voerde, dat deSce- pen, die in der tyt -waren^ hem dair ep bevonden, joude by des dien/} quyt tuefen. ., |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
i 4 a p.
In den jare 1429. zyn deze navolgende perzonen
tot de Stadts Regeeringe verkoren*
,
Schepenen.
! " - '
Willem van Winfen, Borgermeifter. i'.
Willem van Alenderp.
Godert Koeninc.
Pelgrim de Wael.
Jacob die \7oecht.
Willem van Gent.
Henric Vrencke.
Reynier van. Tetwyc.
Adriaan van Lantscroen.
Henric Trinde.
Goed-
.
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
'
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
|
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
368 UTRECHTSCHE 1429.
. '
Goedlcalc van Winfen.
Johan van Jutfaes.
_ ...
, , . , Raden.
.
Peter over die Vecht.
Egbrecht van Gruenenberch. LoefF Hafert. Claes Martens zoen. Henric Jacops zoen. Johan Grawert.
Johan Proys van Lichtenberch, Borgermeifter.
Johan RwlTche Peters zoen. Vrederic van Steenre. Henric van Scalcwyc. Johan van Hamelenberch. Johan Nypyfer. Ghifebrecht van der Horft. Matheus Pot. Jorden Wouters zoen. |
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|||||||||||
|
|
Jan Tullen, zoen.
Evert Clyaes zoen. Roeloff Tidemans zoen. Ghifebrecht de Gruter, Willem Holle de Verwers zoen. Gheryt Bolle. Henric van Loenrefloet. Gheryt Voern van Kersberch. Jacob Geryts zoen.
Ouderrnannen.
|
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
Steven van Zulen. ,
Braem van Lichtenberch. >-
|
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
Jpherye
|
||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
1429- JAARBOEKEN. 369
|
|||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
Gheryt Knyff. > s id
Henric Stamer. * niders* |
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
Jacob Scrodekyn. , Backe_.
Herberen Spiker. > backers' |
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
Wouter Hermans. -> v-f%v,^ «
Johan van Raephorft. > Vifchcopers.
Henric Moerkem. -, T .._.,, .
Jacob Proys. > Lo^^
Geryt Aelbertfen. -, WolleweveM -
Jacob Dircx zoen de Verwer. l
Henric de Wit. > »/, ^CJJQ,
LambrechtvanZulen.^ Marslud^'
Armvan'Tyele. } fiotterluden.
Gelys van Gelhnehera.-*
Roeloff uten Elsweerc. » r>^^Q« Peter van Abcoude. * Cordewaniers.
ËCOb SCn°S' > Oudecordewaniers.
Henric Buddinc.
Tideman Dedel. -> rorencot)ers
Baudekem Wimkens zoen. ?
Peter Hubrecht Daniels zoen- } Steenbickers. Peter Hubrechts zoen.
w-!!6"1 S" t"' Meem' > Oudewantfniders.
Willem Block. J
Henric Jan Clyaes zoen.
Evert Geryts zoen. . Gheryt de Keyfer.}Rif.d Arntnoet. |
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
A» Rei-
|
|||||||||||
|
|
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
||||
|
|
g/o U T R E C H T S C H E 1429.
Reiner Aernt zoen } Bylhouwers.
Geryt van Vlueten.
Vrederic van Drakenborch. -> §mejen
Peter Rwflche.
Willeum Ja"s zoren' } Zadelaars.
Lambert Meynfen zoen. J
Ik heb hier voor verhaald de ftraff oeffeninge
in den jare 14^6. door den Raadt genomen over die geene, die zich fchuldig hadden gemaakt aan den gruwelyken moort van den Borgenneefter Be- rent Proeys, en de vordere wandaden, ten tydedes inkomft van Biflchop Sweder gepleecht. Veele derzelve waren gebannen, en uit de Stadt gezet, welke, naar de gewoonte van dien tyd, oorveede gedaan , en plechtelyk gezworen hadden , geen nadeel aan de Stadt, Regeerders,borgeren of on- derzaten van dezelve te zullen doen, en dat zy zich eenige mylen van de Stadt zouden onthou- den. Sommige van hen hebben hunnen eedt na- gekomen ; maar andere, te weten Claes Sloyer, Tideman van DorJJchen, Willem van Dorffchen zyn zoon, H^Ulern de Witte, Jan de Witte deLou-wer, Hendrik Ram, Claes van Loenen, Lambrecbt Pe- ters zoon, en Claes van Heemflede, hebben hunne oorveede gebroken, en, zich in des vyands Slo- ten begeven hebbende, dagelyks raad gehouden en overleg gemaakt, om de Stadt te overvallen, en zelfs geen geld gefpaart, om daar toe helpers te verkrygen. Vermits zy nu hier door zich aan meineedigheh hadden fchuldig gemaakt» heeft de Raadt op St. Agnieten avont ter klokke laten af- kondigen , dat, zo wie eenige der voorgemelde ballingen leverde in Stadts handen, hy voor ieder hebben zoude vier hondert Beyerfche Guldens, zyn-
de
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1429. JAARBOEKEN. 37-1
de ook 't zelve geld gezet op de lyven van Steven
Huberts zoon , en Jan Haeck, fchoon dezelve geene oorveede gedaan hadde. En zoo iemand, hen willende vangen , tegenftand ontmoetede , en hen ter nedervelde, zoude hy van ieder dood- geflagen ontf'angen twee hondert Beyerfche gul- dens. En, vermits deze ballingen veele arme en onnozele menfchen door geld tot hen gelokt hadden, die de Stadt verlaten en zich by hen be- geven hadden, om hen in het uitvoeren hunner boo- ze voornemens behulpzaam te zyn, heeft de Raadt aan die uitgewekene , indien zy een der voorge- melde ballingen levendig aan de Stadt leverde, of doodfloegen, boven het gefielde loon van 400. en zoo Beyerfche guldens, belooft en toegezeit ver- ge vinge hunner begane misdaden,zoo datzyftraf- feloos wederom zouden mogen komen in de Stadt, en hunne verloreborgerfchap wederom krygen. En zoo wie iemand der gene , die zich zoo hadden laten omkopen, vong , zoude een hondert, en zoo hy hem doodfloeg, vyftig Beyerfche guldens hebben, en zoo iemand hunner den Raadt, als de ballingen op reis waren om de Stadt te overval- len, tydig waarfchouwde, en zy verflagen wier- den , zoude die geene, die deze kennifle gegeven hadde , 1000. en zoo zy te rug weeken, en niec overwonnen wierden, hondert Beyerfche guldens van Stadts wegen ontfangen. En vermits Arnt Proeys met deze ballingen aangefpannen hadde, en op allerlei wyze de Stadt trachten te overrompe- len, heeft de Raadt zich verbonden IOQO. guldens te zullen vereeren aan die geene, die hem leven- dig vong, en 500. guldens aan die hem doodfloeg. Vervolgens verklaart de Raadt in het laatfte van ditRaadsbeüuit, dat die Stat boeralreboeftbeerm-
. /'
Aa a Jen
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
57* UTRECHTSCHE 1429.
fenfalvan allen vangnijfe ende doitflage voirfcreve,
voir allen horen vrenden ende magen, ende van al- len faken die hem dair off'comen mochten. Waar door de Stadt zich verbond, alle vervolg, die op hen, of op hunne namaagfchap daar over zoude worden ondernomen, op zich te nemen, en hen daar van te bevryden. Dit zag voornamen tlyk op het recht,dat,naar de gewoontens van die tyden, de naaftbeftaande van eenen ter dood gewonden oeffenden,om wrake te nemen over den beganen manflag, niet alleen op den dader, maar zelfs op deszelfs namaagfchap, zoo lang de doode niet verzoent was. (i)
dernt
(i) Wy hebben hier voor al aangetekent hoe de doodflagen
outstyds geftraft wierden. Dochfchoondedoodflageraanden lyve by den wereldfchen Rechter zynen verdienden loon niet ontfong, zoo konde hy echter niet ontvlieden de woede der naaftbeftaanden , aan welker vervolg hy , en zyne namaag- fchap bloot ftond , zoo lang de doode niet verzoent en du» dezelve in vrede gezet was. Op dat derhalven de bloetver- gieter tydt en gelegenheit zoude hebben, om de wreedehan- den der naaftbeftaande te ontwyken , hadde de Raadt dezer Stadt in den jare 1397. verboden wrake te neemen binnen vier en twintig uuren na den beganen manflag, zullende de gee- ne,die eerder wrake nam, voor eenen vredebreuker gehou- den worden , en dus flrafbaar zyn aan den lyve. In dezen tuflchentydt van xxiv. uuren begaven doorgaans de manflach- tige zich of in een kloofter, ofwel gingen zy van zelfs in Stadts gevangenhuis, en verzochten den Raadt de verzoe. ninge met des overledens vrienden te willen uitwerken, die dan eenige uit den hunnen afzonderden om dit werk te be- vorderen. Welke met de vrienden gehandelt en hen te vrede geftelt hebbende, dan dien doodflag in vrede ftelde, 't welk van dat gevolg was, dat niemand der namaagen, uit hoofde van den begaanen doodflag, op den dader verder vervolg moch- te doen, of hem daar over nadeel toebrengen, en indien hy het tegendeel deede, daar over als eene vreedebreeker ftraf. biar was. Wat het maacbgelJaangasit, 't zelve was by eene oude overdracht van den jare i jtfö. te vinden in ons Utrechtfch Plac- caatb. 111, deel , bladz. 284. bepaalt, zoo dat iemand aan-
ge.
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1429. JAARBOEKEN. 373
Aernt Proeys de ftoutheit gehadt hebbende, om
in de Stadt te komen, is aanftonds gevat des Woens- dags na Petri ad vincula, en kort daar aan, te we- ten op S. Laurensdag met den fwaerde ter doodt gebracht.
En
gefproken wordende om maachgeld van dooden, als hy een
achterkind was, niet meerder behoefde te geven dan vyffchel« lingen, en als hy nader of verder vermaagfchapt was,meer- der of minder. Van den oorfprong en het gebruik dezer ge- woonte zoude veel konnen gefchreven worden , doch om lankheit te vermyden, zende ik den Lezer tot het geene de zeer geleerde en naarflige Heer Trotz, waardig Hqogleeraar in de Vriefche Hogefchoole daar van heeft aangetekent in zyne Thefts Juris publici tbef. zj8. &> fe<j. Jammer is het, dat de geleerde kenner van Nederlands outheden de Heer van Alkemade zyne beloften, gedaan in zyneBefchryvinge van den Briel, en in de Inleidinge tot het Ceremonieel der begrave- niflen, van eene verhandelinge over deze ftoffe in het licht te zullen geven, niet heeft konnen volbrengen. Grooter zoude dit verlies zyn , indien die naarftige Heer zyne Schriften niet hadde nagelaten aan zynen Schoonzoon den Heer van der Schel- ling, van wien, 's Vaders voetftappen onvermoeit in het on- derzoeken en opdelven der Vaderlandfche gefchiedeniiTen en oude gewoontens, navolgende, wy verwachten, dat hy het op- gefielde door zynen waarden Schoonvader, tot opfchrift heb- bende: Oude Hof crimineel , of boogflejlrafen rechtsvordering ever wonden en manflag onder de Graavelyke regeering in Hol- land van ottds gebruikelyk, waar in alles, tot het zoenrecht behorende , omftandig en nauwkeurig befchreven is, met den druk zal gemeen maken, waar mede die Heer veel dienft zal deen aan alle beminnaars van diergelyke lekkernyen,de- wyl deze ftof welpene omftandige befchryvinge verdient, ir» welke verwachting* ik hier van niet meerder melden zal, al- leenlyk maar tot een voorbeelt zullende laten volgen eene verzoening* en eene claringe van den Raadt defer Stadt daar op , welke ik in het Raadtsboek van het jaar 1^12. gevon- den heb, waar uit men kan opmaken , hoe die verzoeninge verricht is, en wat zy al gekoft heeft.
" Dit is die zoene, die Johan vander Meer, als een Maer-
" fcalc van den lande van Utrecht, Claes Sabel en ^acob " Scrodekyn van sraets weghen van Utrecht , alle drie alfe !' Oreimans ; Staedikya van Loenderjloot , ende Dirc van |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
U T R E C H T S C H E 1429-
En dewyl veele ballingen, uitgezettene,en an-
deren, die, de Stade verlaten hebbende, zich tot dezelve begeven hadden, zich te Vianen onthielden, dagelyks overleggende, om door lift en geld eeni- ge torgeren en onderzaten aan hunne fnoer te kry-
gen,
" Maerfen, alfe feggers van der eenre ziden ; ende Gberyt
*' -van der A , ende Huge de Beer, alfe feggers van der ander " zide, eendrachtelic ghefeit hebben tuffchen Lubbrant Heyen, ' Jan finen loen, Jan Reyen , deflelven Lubbrants broe- " der, Henric Lubbrant, Roetaers foens foen, ende alle die " ghene, die de Maerfcalc ende den Raet van Utrecht vyn- " den, dat raets ende daets fculdich fyn aen defer fake, daer " deft dootflach of ghefciet is, ende alle horen maghen en- *' de nulperen op die een zide , ende alle Splinters maghe ' Jafts feen van Qudencoop op te ander zide, alfe van den " dootflach ende ongeval, dat ghefchiet is &en Splinter voir- " genoemt, daer God die ziel of hebben moet, alfo alfe zi " des gebleven fyn aen ons by eenre penen van vyftich Kn- " gelfcher nobelen , half tot behoef ons liefs Heren van " Utrecht, ende half tot behoef onfer Overmans ende feg- " gers voirfcreven.
" In den eerften fo fel defe foene voirfcreve coften den
" handadighen ende horen maghen ende hulperen , geli» " ken voirfcreven ftaet, vyfhondert gulden, dertienvlaem. " fche groot voer eiken gulden, of payment daer voer, dat. " ter goet voer is in der tyt der betalinge. Ende dit ghelb " felmen betalen ende leveren bynnen der Stat van Utrecht " tot Tfebrants huyfe van der A, of daer hyt wyft , als een " derdendeel op ten heiligen dertien dage nu naeftcomende, " een derdendeel binnen zes weken daer naeft comende, " ende een derdendeel binnen zes weken daer naeftcomen- " de, ende dit ghelt fel gaen alfe hier na befcreven ftaet.
" In den yerften , myn Heer van Utrecht voer fTn brue-
91 ken ende heerlicheyt tnegentich gulden : item de Maer- " fcalc voer finen coft ende arbeit vyfen dertich gulden: item " ter erffoen vyf en 'tfeventich gulden: item ter maechloen ** rfeftich gulden, item ter voerfoen hondert ende tnegentich " gulden, ende die feilen gaen onder die'maghe alfo, alfe die " Maerfcalc, Staedskyn van Loenrefloot ende Dirt iian Maer- " fen voirfcreven , mitten ghencn , die fy van den maghen " daer by nemen , dat ordineren ende wifen lellen.
" Item feilen gaen voer oncoft ende teringhe , di? de
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1429. JAARBOEKEN. 375
gen, in hope van deze Stadt eens meefter te zul-
len worden, heeft de Raadt, deze nabyheit al te gevaarlyk oordeelende , donderdags na Aflump- tionis Marije hen gelaft:,dat zy des avonts vanden volgenden dag Vianen zouden ruimen en van daar
gaan,
' Maerfcalc, die Raet van der Stat, ende die feggers gedaen
' hebben , alfe fy hier of by malcanderen geweeft hebben , " ende van fcriven, te famen vyftich gulden.
" Ende ten middelfte dage der betalinge voirfcreve , zo
" feilen die handadige in fcrifte overleveren die ghenc, daer " fy oorveden of gedaen willen hebben , ende daer toe ge. " boren fyn. ende then leften dage der betalinge voirgenoemt " fel rnen voetval doen tot Maerfen mit vyftich mannen, en- " de dan cloefterwinninge overleveren van allen cloofteren " tuflchen Noyde ende Bodegraven, alfe gewoentlic is.
" Voert zo is ons fe^gen , dat Luhbrant Roetaerti foent
" wyf ende kynderen blrven feilen in den erve, alfo alfe de " Raet van der Stat hem daer inne gevonden ende gefleten " heeft, ende daer en feilen Johan van Oudencoop , noch " fyne nacotnelingen , hem gheen hinder, lette , moyniffe " noch aanfprake aen doen in gheenre wys: ende daer voet " fo feilen jan van Qudtncoop ende fyn medewerkers qxvyt " wefen van allen penen ende breuken van der Stat van " Utrecht , ende daer weder veylich incomen ende keren , " als fy té voeren pleghen te doen , onghehyndert ofte ghe- " toeft.
" Ende defe foen is ghefeit tot allen foenen recht, ende
" daer hebben fy enen alinghen vrede opghegheven , duren. " de een jaer knck na den leften daghe der betalinge voir.' " fcrive. ende defe foene hebben wy gezeit bi der pene voir. " fcreve te houden ende te voldoen Ende waert dat hore " enich van beyden tfiden dit verbtake , die verboerde die " voirfcreve pene , ende nochtans felmen defe foen houden " ende voldoen , geliken hier voer befcreven ftaet. ende " waert, dat hier enich twift oftefcheel in ghevielinenighen. " punten voirlcreven , dat houden wy Overmans ende feg- " gers voirfcreven aen ons tot onfer verclatinghen bi der " penen voergenoemt, fonder argelift.
" Voert zulc dedinge ende foen, alfe Evert Gbifebrechti
" foen, mit Jan van Oudencoop ende zinen vrienden gemaeéfc " heeft, dit zei aff ende qwyt wefen, ende Evert fel mede
Aa 4 "»n
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
UTRECHTSCHE 1429.
gaan , onder bedreiginge , indien zy zulks niet
nakwamen, dat alle hunne goederen, die zy noch in deze Stadt hadden gelaten, aangeflagen, en hun- ne wyven en kinderen hen zouden worden nage- zonden ; 't welk de Raadt hen door eene Stadts bode
ca
" in defên zoenen wefen. In oorconde defer dinghe, fo fyn
" defe cedullen drie alleens fprekende, die een uter ander " gefneden. Gegeven in't Jaer ons Heren XI1ÜC. endeXII. " des Dynsdach na finte Gallen dach.
" Op defe zoene heeft die Raet van der Stat een claringhe
" gedaen, alfe hier na befcreven ftaet.
" Om meer dootflagen ende ongevals te fcutten van den
" feggen ende van der zoenen van den dootflach gedaen aen " Splinter Johans foon van Oudencoop , die Jan van der " Meer, Maerfcalc's lants van Utrecht, van ons Heren we- " gen van Utrecht , Claes Sabel ende Jacob Scrodekyn van " onts Raets wegen, mitten feggers gefeythebben,tuffchen " den handadigen ende allen horen magen op die een zide, " ende des doden magen op die ander zide , alfo dat geble- " ven ende verpeent was, ende dat feggen voirfcreveinhout. " Want die Raet ter waerheit ghevonden heeft , dat die " Maerfcalc om sraets wille te hulpe der zuene overgheghe. " ven heeft alfulc ghelt, alfe der handadigen mage hem ge- " boden hadden te gheven voer den clagen, die op hem be- " gonnen hadde te doen, om dat zy daer buten bliven zou- " den. Ende want die Raet, op dat die zoen ummer vol- " fchien zoude , oick quytgefchouden heeft alle penen ende " koren, die hem van des doden maghen verbuert ende ver. " fchenen waren, fo hebben Scepen , Rade ende Ouder- " mans verclaert, dat een ygelic van de handadigen , en- " de van horen magen , totter foen gelden zeilen , gelike " fi bi den Maerfcalc , ende bi onfen Rade ende feggers op " gefet fyn, fy fyn onfe butenlude ofte lantslude. Ende fo " wes geit overloopt boven den vyf hondert gulden in den " zoenen gefeit, dat fal gaen voor den brootfack, ende die " arme maghen, dies met all gelden enmoghen, tot hore be- " fceidentheit, ende voer fuiken colt , alfe die Maerfcalc " ende onfe Rade, ende die feggers daer om noch doen " moeten, om dat ghelt totter zoenen in te wynnen wt den " handadigen ende horen magen, ende mede voer onferSfat " knechten , ende des Maerfcalcs knapen loen. " Ende dit fel de Maerfcalc ende onfe Rade voirfereve
" wt-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||
|
|
1429. JAARBOEKEN. 377
te Vianen heeft laten bekent maken. En dit ver-
eifchte de gewoonevoorzichtigheit van den Raadt, dewyl Biiïchop Sweder en de ballingen geftadig de Stadt in onruft hielden. De Raadt heeft dit jaar veel foldye moeten betalen
ter
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
|
|
||||||
|
|
wtrechten , ende daer toe helpen , dat defe foen ummer
volfchie. Adlum feria fecunda poft Pauli converfionem.
Voorts verdient hier op nagezien te worden den Heer
Matthaeus de Jure Gladü cap. xxxviii. aantoonende de on- matige wraakluft , zelfs Op onfchuldige nabeftaanden , en hoe die door wetten heeft moeten beteugelt worden , als mede de ftraffe, die, wanneer de zoene gefchiet , en deman- flag in vrede geftelt was, tegen de verbreekers bedreigt was. Waar by ik alleen zal voegen eene ou<Je St«dts brief op die geene die vrede breken, welke ik in onfer Stadtscopieboek gevonden hebbe.
" Al den ghenen die defen brief zien zoclen of horen lezen,
" doe wi verftaen Scoute, Scepene, ente Raet der Stat van " Utrecht, dat wi deze kore, die hier na befcreven ftaen, " gemaket hebben bi ghemenen Rade voer 't beften wille. " Groent yemant , dat vrede ghebroken fi , foe fullen die " Oudermans nemen hem viven uter Stat Raet, die vivezoc- " len daer of die waerhede ondervinden binnen achte daghen " van den daghe , dat fi daer toe ghenomen fyn , ende bren- " ghent weder in den Raet , ofte vrede ghebroken fi , ende " wie dat ghedaen hebben, moeghen li shoers over een dra- " ghen ; mer moegen fi nyet over een draghen , wat die *' meefte partye van den viven vorghenoemt voertbrenghet, '' dat zei ftade wezen. So wie dit van defen vyf mannen " nyet doen en woude, denfeltnen houden voer den zelven, " die den vrede brac. Voert teyt die Raet van de Stat , des " yeman dat hi daer mede was mit rade of mit dade, daer " vrede ghebroken fi , fo fel die ghenen , die men des be- " teyt, zweren mit vier goede mannen, die de Raet van der " Stat daer tge neemt, dat hi onfculdich is raets ende daets, " dat die vrede gebroken was. hier mede is hy qwyt. Waer " enich man die enen vrede brake , waer dat hi doet bleve, " daar hine aen brake, dat foude men rechten aen finen hals, " diet gedaen hadde : hoe dat hine anders brake, dat hine " ftiete ofte floeghe, of wonde, dat ghinge aen fyn hantden " ghenen, die dat dede. Waer oec yemant, die den ande- " ren jaghede , ende hine weder ftiete , noch en floeghe ,
A a 5 " en.
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
||||||||
|
|
||||
|
|
378 UTRECHTSCHE 1429,
ter bezettinge van des Stichts Sloten en Sterktens,
en ter verdediginge hunner Stadt: Dus vind ik, dat zy niet alleen iemand naar OveryfTel hebben afge- zonden om volk te werven, maar zelfs dat zy Saxen in hunnen dienft gehadt hebben. Veel volks hebben zy moeten zenden naar de Vaart, en op het Blok- huis voor Cuylenborch, om het oog te houden op Sweder, de Cuilenburgers, en de ballingen, die zich te Vianen onthielden , om hunne naderingen aan de Stadt te beletten: Ook hebben zy meerder be- zetdnge geleit op het huis ter Eetn, en op het Blokhuis aan die rivier ftaande, dewyl de ballin- gen te Muiden by een gekomen waren , voorne- mens zynde om Amersfoort te beklimmen. Jaahet komt my voor, dat de Raadt niet geruft, maar wan- trouwende op hunne borgeren en onderzaten ge- weeft is, waar van veele , zoo als wy hier boven hebben aangetekent, met geld door de ballingen tot verraderye wierden omgekocht; zoo dat zy genootzaakt zyn geweeft vreemden in hunnen dienft te nemen. En hebbe ik in de rekeninge van den eerften Cameraar van dit jaar gevonden, dac de plaats voor het Raadthuis acht weken en drie da- gen door negen en vyftig perfoonen bewaart is ge- weeft, en dat daags na S.Odulphus dag, noch voor veertien dagen, vier en dertig mannen tot het zelve
einde
" ende hi daer of bedraghen worde dat binnen vredeghefciet
" waer, die verboerde vyf pont. Waer enich man, die men " eyfchede van tuych te doen, ende die niet zweren en woude " noch tughen alfe hi fculdich waer te doen , die verboerde " zulken koer , alfe die ghene verhoren (oude dien hi betu- " ghen zoude, ofte hi bedraghen worde. Op dat dit vaft " ende ftade blive, fo heb wi Scout, Scepene ente Raetvor- " genoemt onfer Stat zeghel aen defen brief ghedaen. Dit " ghefcide in den jare ons heren dufent dre hondert op alre f' Goeds heylighen avont. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1429- JAARBOEKEN. 379
einde gefchikt geweeft zyn, welke alle foldye ge-
noten hebben , waar van de Capittelen eenige aan de Stadt hebben goetgedaan , en loon gege- ven.
Omtrent S. Laurens dag heeft Biflchop Sweder
met eenige ballingen zich op reis begeven naar de Stadt, doch de Raadt daar van tydigk"enniflekry- gende, heeft eenig volk gezonden naar Abfteede enOutwyk,èn daar door het naderen aan de Stadt belet.
Het beftant met den Hertog van Bourgondien
maar voor eenen bepaalden tydt zynde getroffen,zyn de afgezondenen van het Sticht, zoo te Woerden als t'Amfterdam en ter Goude geweeft, om aldaar te handelen met de Raden des Hertogs over de verlenginge van het beftant, 't welk ook van tydt tot tydt gefchiet is. Ook zyn dezelve te Wage- ningen , te Rheenen en het naby gelege Slot ter Horft geweeft, om met den Hertog van Gelre te fpreeken , en wel met die uitwerkinge, dat op den 28. van Hooymaand het beftand in eene gefta- dige vreede is verandert.
De voornaamfte inhoud der voorwaarden van de-
ze vreede,hebben Pontanus (i), Slichtenhorft (2), en uit dezelve Du Mont (3), en woordelyk Mat- thaeus (4) opgegeeven; doch dewyl het affchrift, 't welk ik in onzer Stadts Copieboek gevonden heb, in veele woorden verfchilt van 't geen Mat- thaeus te voorfchyn heeft gebracht, zoo geloof ik
den
(i) Pontan. lib. lx. Hift. Gelr. pag.^p.
(a) Slichtenh. ix. Boek der Geld. Gefchied. bladz. si 8. en 119.
(j) Corps Diplomatique torn. u. pag. «7. ,
(4) M»tth. Rer. Amersf. Scriptor, p. 27$. & feq.
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
38o UTRECHT S CHE 1459.
den opmerkenden Lezer geenen ondienftce zullen
doen , met dezelve , zoo als ze op ons Stadhuis gevonden wordt, alhier plaats te geven.
Wy rfrnolt van der genaden Goids Hertoge
van Gelre, en de van Gulick, ende Greve van Zutphen,doen kond allen luden mit defenopene brieve, ende bekennen , dat wy voir ons ende onfen nacomelinghen , van allen twifte, ge- breke ende fcade , die in den oirloghe, ende dair voir, van dat wy die Stadt van Amersfoir- de ynne genomen hadden, geweeft is tuffchen den edelen Heren Rodolph van Diepbolt, Poftu- laet tot Utrecht,fine ende desGeftichts fteden, landen , luden , namelicke Amersfyirde, De- venter, Campen ende Zwolle, ende allen ande- ren hoeren borgheren, onderfaten, ingefete- nen , hulperen ende hulpere hulperen, ende alle den ghenen , die mit hem, of om hoeren wille in defer vede gecomen fyn , aen die een ,, fide ; ende ons Hertoghe Arnoult voirfcreve, ,, allen onfen onderfaten, fteden, landen,luden, borgheren , ingefetenen , hulperen ende hul- pere hulperen, ende allen den genen, die mit ons, off om onfen wille , off om hoeren wille in der veden gecomen fyn , an die ander fide, gevallen ende gefchiet fyn binre veden , ende dair voir, als voirfcreven is, aen beyde zyden, eenre mynlicker zuenen , vriestfcap ende een- drachticheyt , by rade ende goetduncken ons felfs, ende onfer Rade ende vrienden, die van onfer weghen ende fonderlinghen onfen beveel .,, dair by geweeft fyn, ende dit gededinft hebben, overdragen , overcomen ende eens geworden fyn , ende die zuene ghegheven hebben ende gheven mie defen open brieve. In welker zue-
i w
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1429- JAARBOEKEN. 381
nen wy bezuent hebben alle onfe lande , lude,
onderfaten, fteden, onfen hulperen ende hul- pere hulperen , ende allen anderen , die mie ons , off om onfen wille in defer veden ofte oirloghe ghecomen fyn. Desgelycs hebben onfe neve die Poftulaet, die Stadt van Utrecht, ende die fteden Amersfoirde, Deventer ,Campenende Zwolle bezuent op hoire zyden alle des Geftichts fteden, landen, luden, borgheren,onderfaten, hulperen ende hulpere hulperen, die mit hem, off om hoeren wille in der veden ende oirloghe voirfcreve gecomen fyn. Welcke onfe zuene, en- de alle punten nabefcreven, wy Hertoghe open- bairlic ende volcomelick voltrecket ende voldaen hebben, voltrecken ende voldoen in maten na- befcreven.
,, In den eerften hebben wy Hertoghe van Gelre
voirfcreve onfen neve den Poftulaat, ende den Geftichte van Utrecht dat flot ter Horft over- gegeven in maten alfe hier na befcreven ftaet. Allo wes Biffcop Frederic zaligher gedachten, off dat Capittel, off die Sradt van Utrecht, Hu- breekt Wolf van der Horft in brieven, off tot redelicker bewyfinge fculdich mogen wefen, dair feil Hubrecht richtinge omms gefchien by onfen lieven Vader den Hertoghe van Cleve, j, Dirc van Bronchorft, zoen tot Batenborch en- de Toenholt, ende Dirck Heymerick. Ende die Poftulaat., Capittel ende Stadt fullen rrmllich enen goeden man dair toe fcicken, ende defe fefs voirfcreven fullen binnen der tydt nabe- fcreven wtfpreken: ende wes Hubrecht dan toe ghinge ende gefchikt worde mitmynnenoffmit rechten,dair fullen fyHubrecbtoffvernueghen, alfo dat wy Hertoghe dair van qwyt van #«-
freeèt,
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
3$2 UTRECHTSCHE 1429.
brecbt gefcouden worden: item binnen fefs we-
ken na wtfprake der zuenen, datum des brieffs ,, aenfprake ende antwordt over te geven ; dat is te weten , die aenfprake te doen binnen den eerften drien weken, ende dantwoirdt dair op te geven , binnen den anderen drien weken dair naeft volgende. Ende dair na zullen die fefle voirfcreven binnen fefs weken naift dair na die wtfprake doen , als voirfcreven ftaet. Ende hier en boven en fullen wy Hertoghevan Gelre Hubrecbt die Wolff, off yemant van onfer weghen, die Stadt van Utrecht, offdatStichte nyet becommeren, off bezweren an live off an goede, om alfulc geit, als Hubrecbt dair an leggende mach hebben.
Item foe en fullen wy Hertoge van Gelre,
noch die onfe ons Biflcop Zweden, noch der ballingen, noch hoire faken niet kroenen, noch onderwynden in geenrelye wys ; dan waren enige ballinge onfe borgers of onderfaten, die fullen mede in der zuenen wefen,off zywillen. ^ in den Stichte 'en fullen fy niet comen, dat en zy mit wille ons neve des Poftulaets, ende des Geftichts, ende willen fy hoirs goets gebruken, foe fullen fy onfen neve den Poftulaet, ende dat Gefticht verlaven , foe felmen hem hoir goet, in den Stichte liggende, laten volgen, dan off wy Hertoghe van Gelre ende onfe lan- de mit den Stichte toe veden quamen,foemoe- ghen fy in der veden ons ende onfen lande hel- pen, gelyc anderen onfen onderfaten, die ve- den wt. behoudeliken den van/?wo//ehoir brie- ven van horen ballingen in hoire machten te bliven.
Item fo fullen die Ecclefie ende die Sticht-
fchea,
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1429- JAARBOEKEN. 383
fchen, die onfe neve den Poftulaet, Stadt en-
de Geftichte van Utrecht gehoirfam ende by- blivich geweeft fyn , ende alle die kercken, ghelegen inden Geftichte van Utrecht alle hoe- re goede , gheeftelic ende weerlic, in onfen lande van Gelre liggende, ruftelic ende vrede- lic ghebruken: ende off BifTcop Zweder, die Paepscap , off yemant anders, ons Hertoghe van Gelre , off onfen onderfatén , dair omme bannende worden , dair fullen wy Hertoghe voirfcreve by rade ons neefs des Poftulaets,des Paepscap , ende des Gheftichts redelike lude ende Procuratoers toe fetten , dat te weder- ftaen mit rechte: ende wat dat coften fall, ful- len die Stichtfe ende Paepscap betalen buten fcade ons Hertoghe van Gelre : ende en ghe- fciede des van den Geftichtfchen ende Paepscap niet, foe moghen wy Hertoghe van Gelre dat an den Stichtfchen geeftelicken goeden in on- fen landen gelegen verhalen, ende dair mede weren in den voirfcreven faken.
Voert fo fullen ons Hertoghe onderfaten, en-
de die Stichtfche onderfaten onder malkande- ren in des anders floete , ftede ende landen, mit live ende mit goede, te water ende te lan- de, ynne ende daer veylich ende befcermptva- ren, comen ende marren,hore comentfcapen- de andere faken in redelicheden te hantieren op hoer rechten gewoentlicken tollen : ende men fall den onderfaten voirfcreven elcs in des an- ders lande van pachte, van fchulde, ende van fcade, onvertoghen recht laten gefchien.
Item fo en fullen onfe lieve Neve die Poftu-
laet ende die Stichtfchen tot geenre tyt BifTcop Zweder byftanc off hulpe doen tegens ons Her-
toghe
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||||
|
|
U T R E C HTS C H $ 1429.
toghe van Gelre, ende onfen lande. Ende off
Bifleop Zweder- enich deel des Geftichts be- ,j crachtichde off increghe , foe fullen onfe neve die Poftulaet * die Stadt, ende Geftichte van .Utrecht, tot ghefinnen ons Hertoghe van Gel- re dat dan wederftaen , ende dair weder na ,, hoerre machten wtjaghen , ende dat fullen wy Hertoghe van Gelre als dan truwelic mede doen, ,, elcs op ons felfs colt. ..<.-
Item off enighe Heeren, off yemant, om de-
.fer dedinge wille, die nu gededinft endegeflo- ten is oiflchen onfen neve den Poftulaet, ende ons, ende onfer beyder landen, deden teghens ons Hertoghe van Gelre, ende onfen landen, dair toe en fullen onfe neve die Poftulaet ende die Stichtfchen hoer gheen byftant noch hulpe doen in eniger wys op ons Hertoghe van Gelre ende onfen landen.
Item alle gevanghen aen beyden fyden qwyt,
wtgefcheiden Peter van Culenborch, ende fom- |
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
35
5J
|
|
mighe , die ter tyt mede op ten Bolwerck tot
Amersfoirde gevanghen worden, ende ons Her- |
|
||||||
|
|
||||||||||
|
|
toghe van Gelre nyet off gevanghen en fyn, en-
,ï de alle onbetaelt geit aen beyden fyde qwyt. Mer hadde yemant an beyden fyden in defer veden voir den anderen wat betaelt, dair om- me falmen enen.ygelifeken van beyden fyden ^ recht wedervaeren laten na Lantrecht ende na Stede recht.
Item van alle fcattinghen derStichtfchergoe-
^ deh.in onfen lande van Gelre gelegen, falmen halden ende enen ygelickcn gefchien laten, als ^'tnesi anderen geeftelicken ende weerlicken ^, doet, boven ende beneden hem gefeten, de$ gelycs fal men onfen onderfaten ia den Sticht?
oec
|
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
|||||||
|
|
l-------
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
1429. JAARBOEKEN. 385
oec doen; ende men en feil nyemants goet toe-
flaen. ende wairt dat yemants goet bezett wor- de, daer fal men die wete van doen ter goeder tyt den Meyerlinghen (.), off an den Borger- meifteren der Stadt, dair defe ynne gefeten we- re, die fyn guet befet ware
Item dat men der Stichtfcher guede, gelegen
in onfen lande van Gelre, niet befwaren en fall mit enige peerden te houden; mer dac men die Meyerlinge op peerden fetten fall, als men bo- ven ende beneden doet. Ende hadden die Meyerlingen ander goet, dat fy dair van doen feilen, als men oick boven ende beneden doet.
,, Item dat die Dyckfcouwe van Veluen fyde
ons Hertoghe voirfcreve bliven fal , ende die Stichtfche lude dair ynne woenende dat wy die" befchudden ende befchermenfullenvoirgewalt, als dat in voirtyden inghefett ende overgege- ven is.
Item foe fyn die borgers der Stadt van Ziuol-
Ie op onfer ftraten van Gelre , boven geley- de mit brieven ons Hertoghe voirfcreven genb- men hondert ende xci. oflen, welke oflen voir- fcreven wy Hertoghe voirfcreve betalen lullen den borgeren voirfcreven , van den leden ter- myn des geks , dat die Stadt van Utrecht ons beloeft heeft te betalen, mit verwerden , dat
*> die
(i) Meytr betekent in net oudt duitfch een Schout, zo»
wel in eene Stadt als ten platten lande, en dus die geene > die op die plaatzen net hoogftc rechtsgebier voert. Ook betekent het eenen landman, die eena anders akkers en landen bebouwt , en een gedeelte der vruchten den eigenaar uit- reikt volgens Kilianus; en de volgende woorden fcbynen te vereifTchen, dat men het woord Meyetlingtn in den laatltca «in moet opvatten,
B b
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
|
|||
|
|
||||
|
|
U T R E C H T S C H E 1429.
" die borgeren , dien die oflen voirfcreven geno-
" men fyn, mi t hoereneden behalden fullen, wat " fy gecoft hebben in te copen ende van weyden, " ende niet meer, wanneer wy Hertoghe desver- " manen doen, forider argelift.
" Item dat alle afterftedige renten ende jair-
" ghulde, die in defet veden aen beyden fyden " voir fiate Peters dach ad eathedram lefteleden " ónbetaek waren , fullen qwyt wefen. Item fo " fiillen aen beyden fyden qwyt wefen alle Tinfen, " die men ons,of denStichtfchen,ofyeisnantbyn- " nen onfen lande van Gelre ende Geftichte van " Utrecht fculdich gebleven mach wefen binnen " defer veden ; mer wolde yemant den anderen " dair omrne maneil mit ghêeftelicke rechte, dat "- ïnach hy doen. Ende wy Hertoghe van Gelre, " hoch ohfeineve die Roftulaet, en fullen nyemant *- enichs weériies rechtes dair over gunnen of ge-
* fchien laten in onfen lande, fonder argelift.
" Item alfulcke brieve , als wy Hertoghe van
" ,Gelre hebben varl derStadtvan Renen, ende die ** Stadt van Renen weder van ons, dat die Stadt " van Renen in defer veden ftille fitten folde, ful- " len wy malcanderen overgeven, ende off wy "Hertoghe van Gelre den brief van den van Re- " nen nyet en hadden , off machtich en waeren , ". da( wy Hertoghe van.Gelre mit onfen brieven 'f.die Stadt van Renen dair off qwyt fchelden ful- " len, ende hem des onfe brieve geven, alfoe ver- ** re dat an ons treft.
^ " Item alle brieve die die Stadt van Amersfmrde.
" gegeven heeft, ende hem off gedrongen zyn irt " tyden , dat wy Hertoghe voirfcreve die StadÉ " van jlmersfoirde ynne hadden, die brieven ful-
* len wy, noch nyemant van onfer weghen, van
" geen-
*
|
|||
|
|
||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
1429. JAARBOEKEN
" geenre weerden houden; mef wairt dat wy die
brieve in onfer machten hadden, die fullen wy der Stadt van Amersfoïrt doen overgeven. " Item off yemant leen aen beftorven waer, off fyn leene off hooftpenninghe vaa beiden fydeh op ghefeecht, off verfuymt hadde, binnen de- fer veden voirfcreve, die verfumenifle, off eni- ge ander rechtvorderinge dair aff, feil qwytwe- fen, ende mallick weder dair van opt fyn en- de op fyn leengoet comen. " Item den dyck by der Ewyck lalmen toedyc- ken , off een flufe dair in leggen, by rade ende toedoen der erfgenoten aldair aen beydén fy- den,die des watergancs ghenieten ende ontgel- den moghen, te verftaen, die doir die flufe hoir " lant wateren.
" Item en fullen wy Hertoghe van Gelre in geen-
re wys gehengeti, dat onfe lieve neef die Poftu- * laer, die Stadt of dat Gedichte van Utrecht, " hoerre borgers , onderfaten , off die gemeyn- " fcap mit hem gehadt hebben, enige laften, ge- ' breek off hynder in onfe lande van Gelre vati " den ballingen , off yemant anders Van hoirre " weghen, mitter achten te doen offgefchien la- " ten , off dat dair off ruerende is. gclycken ori- " fe lieve Heer ende Oem Hertoghe Rgynoult ftll- " gher gedachten dat in zyner zoenen micoen Sticht- " fchen oec verdedinö hadde.
" Item fchelden wy Hertoghe van GeJre die
" Stadt van Utrecht , van Amersfoïrde ende die " Geftichtfchen qwyt van alfucken geCcaff, als tot " Gorinchem gefchach, ende dair off die Stadt " van Utrecht ende den Stichtfchen andragendë tot defen dage toe claerlic verleken ende ge- " fcheiden wefen fullen mit defer zueue.
B b a " leem
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
ÉtRECHTSCHE 1429.
" Item is verdedindl van den Heer van Culen-
" borcb, off hy mede in defer zuenen wefen will, " dat fall hy wefen in alle dermaten , als dat van ." onfen lande van Gelre verdedinét is. ende wol- " de des die Heer van Culenborcb alfoe niet doen,
* foe geven wy Herroghe van Gelre doch voir
* hem enezuene, want hy onfe hulper is. Ende
" 'wolde die Heer van Culenborch boven defer on- " fer zuene tegens onfen neve den Poftulaet ende " die Stichtfchen doen , dat en folde nyet hinde- " ren an der dedinge ende brieven nu tuffchen ons " beyden Heren ende landen gemaeél.
" Item foe fullen dode tegens dode , roeff te-
'* gens roeff, brant tegens bram,name tegensna-
* me , quetfinge tegens quetfinge , hoe off wair
" die gefchiet fyn binnen der veden ,qwyt wefen, " die een tegens die ander tot beyden fyden.
" Item off yemant ons Hertoghe ongehoirfam
* waer, ende die zuene niet holden en wolde,
" als wy die onfe neve den Poftulaet, ende den " Stichtfchen beloeft ende bebrief t hebben, ende " den Stichtfchen dair hynder ende gebreke ynne '* viele, foe fullen wy Hertoghe den Stichtfchen, " ende onfe neve die Poftulaet, ende die Sticht- " fchen ons Hertoghe voirfcreve malcanderen tru- " wehc byftaen , die gebreke ende hinder te we- " derftaen na alle onfer ende hoirre machten, elcs op zyns felfscoft, die óngehoirfame te bedwin- " gen, den hinder te richten, ende die zuene te
* houden fonder argelift. Ende omme ymmerrüft
" ende vrede in beyder onfer Heren lande elcx voir " deh anderen te behouden , ende te verhueden " te beyden fyden, dat en" geen roeff, brande , !' name, gevangenifle , off enige geweiden wt des " enen lande dair duer,of ynne, in desanderlan-
" den
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1429. J A A R B O E K E N. 389
" den meer en gefchien, foe hebben wy Hertoghe
voirfcreve geloelt ende geloeven mitdefenbrie- " ve , ende onfe Ridderfcap nabefcreven over ons getwcht, dat te verhueden na alle onfer machten. Ende off dat dair en boven gefchie- de in enigen der punten voirfcreven, ynneofte wt, off duer onfen lande, dat wy dat onfen ne- ve den Poftulaet ende den Gedichte richten ful- len binnen twaleff weken dan dair naiftcomen- de, na dattet gefchiet ware. Ende off dat on- fen neve den Poftulaet ende den Geftichte ge- fchiet were , foe feil onfe neve, of die befce- dicht were ons Hertoghe dat verkundigen, en- " de te daghe eyflchen binnen den eerften fefs weken op ten lieden nabefcreven, als die Sticht- fche aen defe fyde dair Utrecht ftaet, tot Re- nen , ende die Overftichtfchen , dair Deventer en Campen ftaen, aen den Ryn, off tot Deven- " ter op ten water, ende gheren dair richtinghe, dair een ygelick veylich ende gheleyt wefen fall, " aen ende aff te comen , ende op ten dage felï " die befcadichde fyn gehoet doen mit fynen ede, " ende fynen fcaden groten, ende als dan fullen " wy Hertoghe den fcade richten als voirfcreven " is. Ende off dan defe richtinge aldus nyet en " gefchiede binnen defer tyt den ghefcadichden , " loe mach onfe neve die Poftulaet, dat Geftich- " te van Utrecht, of die gene,die den fcadehad- " de , dat panden an onfen onderfaten in onfen " lande, ende fich dair an verhalen, fonder enige " wete, toirn, off weer van rechte, ofte anders " van ons Hertoghe ende ons lants daer van te " hebben , off te doen , fonder argelift. Ende " off wy Hertoghe voirfcreve onfer vier hoefïïeden " fegellen mede aen onfen zuenbrieff volfegelt B b 3 ;: bren- |
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
UT RECHTSCHE 1429.
" brengen doen, foe en feil die pandingevanden
" fcade niet vorder gefchien , dan in elcker hoef- " ftede vierendell ons lants van Gelre , dair die " fcade duer, off in , gefchiet waer. te weten , " dat een vierendeel Nymmeghen mitten Rike " der alinger Betuwen, ende onfen lande tuffchen " Maes ende Wael: Rueremonde mitten alingen " onfer overlanden ende onfe fteden tot dien vie- " rendeel behoerende aldaer gelegen : Zutpben " mitter alinger onfer Graeffcap aldair, ende Arn- " bem mitter alinger onfer Veluwen. Ende foe " fullen nochtant onfe vier Hooftfteden mit hore " live ende goede in den Gedichte van Utrecht ** toe beyden fyden hier off veylich ende onbelaft " wefen Ende des ghelycs feilen die vyjf Hooft* " fteden des Geftichts van Utrecht hoer live ende " goede weder in den onfen wefen, alle argelill " voirder of faken, die hier ynne weer off hinder " wefen mochten, claerliken wtgefcheiden. " Ende want wy Hertoghe van Gelre ende van
* Gulich voirfcreve voir ons , onfe nacomelin-
" ghen, allen onfen fteden, landen, luden,bor- 0 geren ende onderfaten , hulperen ende hulpere *" hulperen, ende allen den genen , die mit ons, 11 off om onfen wille, in der vede voirfcreve ko-
* men fyn, defe voirfcreve dedinge, zuene ende
" mynlike overdrachte , ende alles dat dair ynne " begrepen is , ghedaen , gegheven ende belieft " hebben mit ons felfs rade , ende onfen vryen " wille , ende by rade onfer vriende, die volco- " melic te halden, te voldoen ende te doen hal- den , in allen ende yghelicken punten voirfcre-
" ven, foe hebben wy alle faken voirfcrevenghe-
" loeft, ende gheloven by onfer Vorfterlicker ee- " ren, ende onfe bande op ddèn brieff gheleecht
" n-
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
1429. J A A R B
" ende lyflic ten heyligen gezworen mit volftaef-
den eede van ons ghenomen. Ende hebbendes in oirkonde der waerheyt alre punten voirfcreven " onfen fegelj by onfer rechter wetenheyt aende- fen brieff wt doen hanghen. Ende om die meer- re veftenifle ende fekerheit aiLer pinten voir- " fcreven , foe hebben wy gebeden ende anghe- " finnen onfen lieven magen, raden ende vrien- den , als uiic namen Heren Willam van Sneren " ende van Beufichem , GhysbrecbtvanBronchorft " Heer tot Batenborch ende Taenholt, Wïlldm " van der Lecke Heer ten Berge .ende ten Bylan- '' de, Jan Heer tot Hoekelem ende tot Millin- " ghen, Heer Johan Scbelert van QbbendorpR\&- ider,onfe Hovemeifter, Johan vanBueren\\QQt " tot Ewyck , J(.-ban Heer tot Appelteern , tot " Voerft ende tot Keppel, Dirck van Brenchorfl zoen van Batenborch ende Taenhok, Heer Dirck " van Lienden Heer tot Hemmen, Dirck van By- " lande, Dirck van Arnhem, Jebatt van By lande " Ridder, jfoban vanGroesbeke Heer tot Hoemen, " tot Malden ende tot Beeck , Joban Heer toe " Broechuyfen , tot Werderaborch ende Tamer- " foyen , 'Johan van Oeft , foban van dpelteren " Hete Roberechts zoen, onien Maerfcalc, Wil- " lam van Vlaedorp erffvoicht tot Ruremunde , ' .Reynalt Heer tot Oy , Joban van Appelleren * Heer tot Perfingen, Joban van Roffem Heer tot ' Leyenberch, Herbert van Oy Heer tot Valgoy, " Aernt Heer tot Blitterswyc, Joban wan Bueren " Heer tot Aerfem , Jan van Oy Greve tot Ub- " berge n, Ghysbert vanTiul, DirckvanFloedorp^ " Reynalt ende Jan van Zeiler gebrueders, Gbys- " krf van Mekeren , Pe er van Steenbergen van " I^wenbeke . Evert van Wüp die jonge , ende Bb 4 |
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||
|
|
------------
|
|||||||
|
|
||||||||
|
|
39» U T R E C H T S C H E .14*9.
** Wtllam "jan Ryswyck onfen Kamerlinck : ende
** voirt die Borgertneifters , Scepen ende Rade on- " fer vier hooftrtede ons lantsvanGelre,alsiVyj«- " megben , Rueremunde , Zutpben ende Arnhem , " dat fy des to getughe der waerheyt hoere ende V. hoerre (leden fegelen mede aen defen brief ban- " gen willen . dat wy WILLAM Heer van Buerei " ende Befinchem , Gbysbrecht van Broncborft ,
* Heer tot Batenborch en Taenholt , Willam var.
" der Lecke Heer ten Berghe ende ten Bylande , " Joban Heer tot Hoekelem ende tot Millinghen, " Joban Scbelert van Obbendorp Ridder , Jcban* " van Bueren Heer tot Ewyck , Joban Heer tot " Appenteren ( O tot Voerft ende tot Keppel,/)ffr£ " van Broncborft' zoen tot Batenborch ende Taen- " holt , Dirck van Lienden Heer tot Hemmen , " Dirck van Hylande,Dirck van Arnbem^oban van
' Bylande Ridder, Joban van Gruesbeke Heer tot
" Hoemen , tot Malden ende tot Beeck , Joh&i ** Heer tot Broechuyfen , tot Werdenborch end;
' Tamerfoyen , Joban van Oeft , Joba» van Ap-
" pelteren Heer Kobberts zoen , Wtllam van Floe- " dorp erffvoicht tot Rueremunde , Reynalt Heer " tot Oy,^» van Appelleren Heer tot Perfingen, " Joban van Roffem Heer tot Leyenberch , Her- " bsrt van Oy Heer tot Valgoy, Aernt Heer tot " Blitterswyck , Joban van Bueren Heer tot Air*
* fen , Joban van Qy Greve tot Ubbergen , Gby;*
" hert van Jw/, Dirck van Floedorp, Reynalt ei- " de Joban van Zeiler gebrued.ers , Gysbert vtn
"W*
. .. .
(i) Matthaeus maskt hier van Afperen, daar hy te v»ren
Heer van Aftelteren genoeint was, in het n>7ne ftaat waar van eer Apftldoorn , of Afftlttrtn dan worden, |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
-
|
|||||||
|
|
||||||||
|
|
|
|
||||||
|
|
||||
|
H*9- J A 'A R'B Ö "E K Ë N,
" Mekeren, Peter van Steenbergen vanNyenbeke,
" Evert van Wllp die jonge ende Iföllam van Rys-
" ivyck: ende voirt wy Borgermeifters,Scepen ende
" Rade der vier hooftfteden der lande van Gelre,
" als Nymmege», Rueremunde, Zutpben ende Arn-
" hem voirfcreven , bekennen omme begheerten
" ende angefinnens wille ons alre liefden genedich-
ften Here des Hertoghen van Gelre ende van Gu-
lich ende Greve van Zutphen voirfcreve geerne
gedaen te hebben: ende hebben des to getughe
der waerheit ende ganfer vafter ftedicheit alre
punten voirfcreven onfe , ende onfer ftede fe-
" gelen mede aen defen tegenwoirdighen brief
gehanghen. Gegeven in den jair ons heren du-
" fent vier hondert ende negen ende twyntich ,
" op finte Pantalionis dach Abbatis, acht ende
" twyntich dage in der maant van Julio.
Hier achter ftaat: Nota. Deze zoene 'itijjcben
Hertocb Aernt van Gelre ende den Gejïicbte van Utrecht gemaeff , en is niet uolfegelt, die Hertocb beeft gezegelt, ende noch xin. beeren tot hem.
Van deze zoen be ft die Raet van Deventer een
tran/cript in forma juris laf n expedieren u t en ori- ginale brieve. ^ïïum ix. Februarii a°- LXXXVII.
Ende Jeyde die Borgermeyfter van Deventer ende
Meyfter Steven Secretaris aldair, dat fy verworven bebben eertyts by Hertoicb Olofs tydt defe zoene ge- veflicbt te zyn, als ofzy volfegelt waer..
Oiek bebben zy verworven by Eertzbertoch Mtixi-
miliaetj ., levende vrou Marie van Bourgondien zyn vrouwe, vefticbeyt des traftast s ende meer ander doer alle zynen landen &c. als men vynden mach in arcfyi- vis 'te Deventer, ivaer van zygberne copieauïïentycq geven wUlen* ; . Onderftont,
T Z W Y N N t I*.
B b 5 Ver-
|
|
|||
|
|
||||
|
|
.
|
|||
|
|
||||
|
|
S94 UTRECHTSCHE
Venjutj beyde deze Hertogen zich verbonden
hadden de zaak van BMTchop Swcder niet meerder te zullen behartigen , behoudens nochtans zyn jecht,a«i hem overlatende dat te hanthaven, zoo »ls het hem goetzoade danken, zoo is Swedernwc Arnhem , en zoo zommige willen , naar Dor- drecht getrokken , en heeft aldaar met de Cano- oiken, die feetr) toegedaan en gevolgt waren, zy- fjeii Biicboppelyken zetel geplaaDft.(i)
Dewyl verfcheide menfehen in het Sticht met
Ijeflotetje deuren mifTen en andere godsdienftoeffe- öingeo deden verrichten, door Priefteren, die daar toe oorlof van Biflchop Stveder verkregen hadden, beeft de Raadt dezer Stadt, om zulks te beletten £» tegen te gaan , des maandags na Odulfi dit merkwaardige ter klokke laten afkondigen: Want Me kerken ende cioefteren ia ftad en lande van Utrecbt geboir/ame fyn der Doem moederkerken , tnyffen ende goit&dienft doen geliken der Doemker- Jlfft; dan daïr (immige mit owu'tileende onrecht der kerken overborich fyn , ende in den openbaren en geen myffe doen en willen; fommige oick op hor en floten mit fa floten dueren myffe doen doen, ende ander be- velinge ende eirleff'werven ende nemen dan van der moeder Doetnkerke, dair dvoalinge ende grot en la ft en in der biliger kerken ende ons allen van coempt en- êe opflaet onder den luden. bier omme laten on jen ge- nedige Heer Poftulaet, die Ecclefie^ ende die Stad
van
(i) Volgen* tiet verhaal van den Heer Mieris Hift. der Nederi.
Vorft. l Boek blade. 4.1. uit Beverwyks Befchryvinge van Dordrecht , bladz. ^19. en Bockenberg Pontif. Ultr. p. 38. Het komt ray evenwel waarfchynelyker voor , dat hy te Arnhem zich opgehouden heeft , en dat niet Ztveder maar Walraven van jbfcurs, van wien wy in 't vervolg zullen m<&* den, ziet te Dcrdrecht geplaatft heeft» |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN. 395
van Utrecht weten ende walmen alle Priefteren In
de ft ad ende lande van Utrecht, dat jyMyffe inden openbare doen, dan by oirlove ende vuete der Doem- kerke ende nyemant anders, ende en geen Myjfön, of andere dien ft en Goits heymeliken ,off" op enige floten', befloten en doen. Ende dat nyemant die Prie ft er s, dit dus overboricb fyn, op finen flote, off anderswair ^ en bufe o ff" en bove, off" noch die op hoeren hufenbey~ melic, off" mit bejloten bruggen ofdueren , Myjjps doen en laten. En nadien verfcheide uitgewekene Geeflelyken allengskens wederom in de Stadt kwa- men , heeft de Raadt alle kloofteren en zufterhui- zen doen verbieden , niemand van hen te ontfan» gen, dan by oorlof van den Poftulaat en den Raadt* In des eerden Cameraars rekeninge over dit jaar vinde ik, dat de Overften dezer Stadt te Vreelanc onthaald hebben den Heer Poftulaat, en eenige Raden van den Hertog van Bourgondien, en dat de Stadt ten dien einde van de Heeren van he« Duitfchen huis hadde geleent eenen zilveren fchaal, welke vermift zynde, de Stadt derzelver waarde aan die Heeren heeft goetgedaan. Ook vinde ik noch meldinge van eene aanzienlyke maaltydt door de Stadt alhier op Hafenberg gehouden, des vry» dags na Viftoris, welke als gatten bygewoontheb» ben de Poftulaet met zyne Raden en Ridderfchap, de Raden des Hertogs van Bourgondien, en de Raden der Steden van Overyflel, welke maaltyt 0an Ipyfe, cruyt, vayn, malevizerye, ypocras, en menigerbande gerechten met aüen onrade te zatnen gekort heeft 286". ponden en vier ftuivers, 't welk veel was in die tyden.
Door het voeren van den oorlog , zoo tegen
den Hertog van Bourgondien als tegen deri Her- tog van Gelre , die nu in eene aangename vrede
was
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
------------
|
||||
|
|
|||||
|
|
396 UTRECHTS C H £ 1419.
was verandert,hadden zoo wel de Staten, als in 'c
byzonder deze Stadt veele buitengewoone onko- ften gemaakt, en dus waren zy in fchulden ge- raakt , waarom de Staten uitgefchreven hebben een gemeen,mergengeld en huisgeld,'t welk over- al in alle kerfpelkerken wierd afgekondigt,enhier ook voor alle des ftadts poorten, met byvoeginge van hoe , waar , en wanneer die belaftingen be- taald moeiten worden, en wierden alle borgersen onderzaten, die daar in laften moeflen, uit naam van den Poftulaat en den Raadt, gelaft binnen veertien dagen in het Capittel van den Dom, al- waar de afgezondene tot den ontfangft zouden zit- ten, hunne verfchuldigde mergengelden en huisgel- den op te brengen, en die hier verzuimig in was, dien zouden zyne mergen en huisgelden worden uitgepant twy Jcatte geit, of vier fcatte panden , dat is, die zoude dubbeld geld worden afgeno- men , of, zoohy geen geld hadde, zoo veel van zyn goed in pandfchap worden genomen, als viermaal de verfchuldigde fchattingen bedroegen.
De Regeerders dezer Stadt, niet minder dan de
Staten, om geld verlegen zynde, hadden van al- le hunne gegoede borgers en onderzaten geëifcht eene leeninge van gelden, naar mate hunner ver- mogens. Doch dewyl zommige hier in nalatig wa- ren , heeft de Raadt by klokluidinge des maandags na Martini gelaft alle , die noch niet het geld , waar op zy geftelt waren,hadden opgebragt,voor donderdag daar aan volgende,'t zelve te voldoen; of dat by verfuim,die tien fchilden zouden leenen, voor een jaar, en die twintig fchilden ter leen Zouden opfchieten, voor twee jaren de Stadt zou- den moeten ruimen, en daar niet wederom binnen komen, ten zy dat ze ter beeteringe aan de Stadt
voor
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
1429. JAARBOEKEN. 397
voor hunne onwilligheit betaald hadden zoo veel
gelds, als zy nu aan de Stadt zouden geleend heb- ben.
Ik heb dit niet willen overflaan , op dat de
Lezer daar uit zoude konnen opmaken het gezag, 't welk de Overigheit in die tyden oeffende over hunne ingezetenen, om dezelve te nootzaken ter opbrenginge van de nodige fchattingen , zonder welke hunne vryheit, befcherminge ende gerui» fte bezittinge hunner goederen onmogelyk door de Regenten kan bezorgt worden.(i) Wyflelyk hadde de Raadt begrepen , dat alle die geene , welke geen geld wilden leenen en dus de Stadt by- flaan, in dezen tydt, waar in zoo veele buitenge- woone en onvermydelyke onkoften hadden moe- ten gedaan worden , ter wederftant en afbreuk doeninge hunner machtige vyanden , en ter be- zorginge van het behout hunner Stadt, tegen zoo veele liften,lagen en gefmeedde verraderyen, on- nutte inwoonderen en dus onwaerdig de gemée- ne befcherminge waren.
Eer ik van dit jaar affcheide , moet ik kortelyk
melden, dat de Capittelen van den Dom en Oud- munfter verfcheide landeryen in Braband gelegen, in erfpacht hebben gegeven aan den Heer Ricbard van Merode, (a) Als mede dat Gerrit Heer ten Vliet eenen brief heeft uitgegeven van de Heerlykhedert van den Veer en van Polsbroek, ten behoeven van Joban Burggraaf van Montfoort. (3)
De
(r) Volgens 't geen ik leeze by Tacitus lib. ir. Hiftor. cap.
74. Neijue quies gentium fint a, mis, ntijue arma finejtipettf diis , neque jtïpendia fine tributii haberi queunt, een waar- achtig zeggen , 't welk ik wenfchte, dat alle inwoondcrsn' van ons Nederland in deze tyden recht begreepen.
(z) Ziet Miraei lib. i. Diplom. Belg. cap. 109.
(3) Ziet Mstth. de Jure Gladii lib. ix. p. 109.
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
39S U T R E C H T S C HE 1430.
.
" l 4. " O.
* P , .
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
Do Regenteïi voor dit jaar /yn gewteft:
o
Schepenen.
* .- o . , .
Vredéric van Drakenboreh.
˻han Pot.
irc van Houdaen.
Aerntvan Amerongért, Borgenneyftér,!
Ludewich de Wael. Braêm van Lantskroen.
Jonge Jan van Lichtenberch.
an de Coninc. an Sloyer.
Aelbrecht Proys. .
Peter van Snellenberch.
Reynier Uten Ham.
. ,. ...
Raedeo.
.
= .
Johan Over de Vecht*
Claes van Gruenenberch.
Henric Hafert.
Huge de Goyer.
Eerft van Gruenewoude.
Peter Calle.
Vranck Goderts zoen.
Wiilem de Verwer.
Lubbrecht de Jonge, doot, voor hem PeterTerninc.
Herman van Steenre, Borgermeyfter.
Tideman de Vos. *
Claas Louwe.
Gelys van déü Velde.
Evert
|
||||
|
|
|||||
|
|
||||||||||||
|
|
--------------_
|
|||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
JAARBOEKEN.
Evert van Voskulen.
Jan Wuftinc.
Ghifebrecht Louweréns zoett
Jan Keteler.
Peter Stevens zoen.
Wenmaér van Maérfen.
Henric de Hafe.
Willem van Weelde. ,0
Eerft Jans zoen.
Werner Braem.
Meyfter Arm van der Borch.
.
Oudermannen.
s.
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
Dirc de Goyer Willems zoen.-> »> .
Pauwels Scrodekyn. Willam van der Woerd. -> TV»^IQ, Bertout Claes zoen. > m°lers- Andries Jans zoen. } Lynnewevers. Evvout Willems zoen.J |
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||
|
|
-
|
|
||||||||||
|
Jacob Vrederix zoen. » Overfte Ouderman ,
Peter Foyt. *" Vleyshouwers.
Ghifebrecht Claes zoen. -, Vifchc?oD&rs
Ghifebrecht Heer. f 1Ichc°PerS-
Claes StefFens zoen. -, i rtutt.pr<
Gheryd Jan WeOels zoen. *
Herman die Vroede. » '\v*oiTeWever,
Henric Jacob Dircx zoens zoen. s
JanTrinde. } Mtaluited. '
Herman de Wate. *
Jan
|
|
|||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
||||||
|
|
4ocr UTRECHT SC H E 1430.
Jan van TieH. } Bottefluden.
Jacob van Wmfen.
Gheryd de Haen. \ Overfte Ouderman.
Gheryd Jans zoen. Cordewaniers. |
|
||||
|
|
|
|||||
|
't
,. .
}f*
Corencopers.
Oudewantfniders.
. ;
Hübrecht Daniels zoen. » C,«OU!M,AI-
Albert Bertelmeus zoen. > S«enbickers.
Jan Mathys zoen. } Graeuwerkers.
Jacob Dircx zoen. J
Henrick van Ghend. -» T>;amrn;^,
T «ir i / Riemlmders.
Jan Walmer.
Willem Arnts zoen. > «,.,
n , ÜL r öyinouwers.
Godevert Egberts zoen.J J
Willem Tyelmans zoen. -> gmeden
Korskyn de Brune. Albert van Dam. } Zadekers. Arnt Claes zoen. J
Het beftand,'t welk tufïchenHertogPèilipsvan
Bottrgondien en het Sticht getroffen, en van tydt tot tydt verlengt was, is in het begin van dit jaar in eene vafte zoene verandert. Welkers affchrift ik gevonden hebbe op ons Stadthuis , en in een met de hand gefchreven boek, waar van ik bezitter ben , inhoudende èeenige brieven van zommige Graven van Holland , en eenige handveften aan fl!e van Amfterdam gegeven, en daar achter eene lyft der Schouten , Borgermeefteren en Schepe» nen van die Stadt van den jare 1413. tot 1552. In dat boek ftaat de brief van deze zoene, zoo als
dezel-
|
|
|||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
J A A R B O E K È R 40*
dezelve door Hertog Philips de goede is uitgegeven
en bezegelt: hebbende Matthaeus(i) te voorfchyn gebragt den brief, hier van-door den Poftulaèt en het Sticht, zoo ann deze als aan geenezydevat» den YfTel, aan gemelden Hertog uitgelevert, en dewyl zy. fchoon genoegzaam van denzelven inhout, in zommige gezegdens vertchillen,zal ik de eerfte, ook op ons Stadthuis te vinden, alhier invoegen, kon- nende de andere by Matthaeus nagelezen worden. Philips, by der gratiën Goeds Hertoge van Bourgonien , van Lotryck , van Brabant ende van Limborch, Grave van Vlaenderen , van Ar- toys, van Bourgonien , Palatyn van Henegou- wen , van Hollant , van Zelant ende van Na- men, Marcgrave des heiligen Rycx, Heer van Vrieslant, van Salms , ende van Mechelen; doen condt allen luden: dat wi, om te fcuwen die bloetrtortinge ende anderen onraet, die om der veden wille , die lange tyt geftaen heeft tuiïchen ons, ende den lande van Hollant, van Zelant ende van Vrieslant, ende onfen onder- faten hulperen ende hulper hulperen, aen die een zyde: ende Here Kodolph van Diepholt &c. der ;, Sta-dc van Utrecht, ende die van Amersfoen , ende die Steden Deventer, Campen ende Zwol. 'Ie , an der ander zyde der Yfele , ende voert den gemenen Stichte an beide zyden der Yfe- le'n, ende horen onderfaten hulperen en hulper hulperen , an die ander fyde, gefcepen waren zoe lang zoe meer toe te comen, indien dat fy niet gefoent en worden, fyn by goetduncken van onfen Rade ende vrienden, om orber, nut- feïp ende profyte der landen, luden ende onder- fa ten
(i) Rcr. Amersf. Scriptor, p. aSj.
C C |
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
404 UTRECHTSCHE 1430.
faten an beiden fyden overcomen ende eens ge-
worden mitten voernoemde Here Rodolph ende die van Utrecht, een minlike zoene endevrint- fcap ende overdrachte, in den welken wy be- ,, foent hebben allen onfen landen , fteden ende onderfaten, ende mit name die landen, luden, fteden ende onderfaten der landen van Hollant, Zelant ende Vrieslant, ende daer wy anders bewynt over hebben , mitgaders onfen hulpe- ren, ende hulpers hulperen, ende allen ande- ren, die mit ons, ofte mit onfen wille, in der veden ende oerloge gecomen fyn. ende Here Rodolpb van Diepbolt, die Stadt van Utrecht, ende die ander fteden voernoemt hebben be- foent op horen zyde alle des Geftichts lande, ,, luden , fteden ende onderfaten hulperen ende hulpers hulperen, ende anders alle die ghenen, die mit hem in de voerfcreve veden ende oir- loge gecomen fyn , in forme, manieren ende voerwaerden, als hier nae befcreven ftaet.
,, In den eerften, foe fullen Here Rodolpb vat>
Diepbolt, die Stadt, van Utrecht ende anders die fteden des Geftichts van Utrecht an beiden zyden der Yfele voernoemt, voertan onfe gue- de vrienden ende nae gebueren fyn, ende ons getruwelick dienen voer enige Vorfte, die leeft, ende fullen oeck guede vrienden wefen alle on- fer lande , luden ende onderfaten , ende der gheenre, daer wy bewynt over hebben, ende (onderlinge van den onderfaten onfer landen, ende die ons te bewynden ftaen, die wy voer onfe vrienden houden ende houden fullen. En- de oft gebuerde , dat in onfen voerfcreve lan- den , of die wy te bewynden hebben , enige , partyen oprefen , foe fullen fy daer in houden
fulke
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
H3ó. J A A PL Ö O fc K Ë N. 40$
firlke partye, als-wy houden Tullen. Ende wie
ons in den felven onfen landen , of die ons te bewynden ilaen , niét té willen en Wair, dien en fullen fy niet behülpelic , vorderlic, noch bydandicb wefen in enigen ftucken i ons no'ch onfen la'nden ende vrienden voirfcreven tegen- dragende, noch nietgehengen,datfyinderStadt, Steden ende Stichte voirfcreven vefkeeren ful* len , noch diere gebruken na der tyt, dat hem gecondicht wefen fal , dat fulke luden in der Stadt, Steden ende Gedichte gecomen waren* desgelycx en fullen fy niet gehengen * dat eni- ge vreemden , die onfe vyanden fyn , of wór den , cömen fullen in der Stadt, Steden ende Gedichte voernoemt, ons of den oiifen daif in, daer wt, of daer over, te fcadigen in eniger- wys, alle argelift hier in Wtgefceiden.
Item fullen voer ons comen op eefl half rfrile
nae Utrecht tot onfer ere ende waerdicheic, Here Rodolph van Dïepholt, die Overfte der Stat ende Steden van Utrecht ende van Amèrs~ foert, mitten Overrten der Steden van Overyf- fel voirfcreven, tuflchen dit ende van Paeflchen naidcomende over een jair, tot fulker tyt, als wy dat der Stadt van Utrecht mit onfen brieven een maent te voren weten laten , ende op hou- knyen ons oetmoedeliken bidden vefgiiFenis van des fy ons vercort , ende tegens ons misdaen moegen hebben. Ende dit aldus gedaen We- fende, foe fullen fy ons mit onfer openre ende omwonden bannier trecken der Stadt van Utrecht wairt an. dair tegens ons dan comen fullen buten der felver Stadt mit proceflien ,cru- een ende vanen die geedelike ende wairlike perfonen wt der felver Stadt, ende dan t'fa-
Cc a men,
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|||||
|
|
-----------
|
||||
|
|
|||||
|
|
404 UTRECHTSCHE 1430.
men ons gebrengen op ter Stadt huys, dair te
dier tydt onfe bannier of op ter poirten wtge- ,T fteken fal worden ofte wefen , ende aldaer wtftekende bliven drie dagen lange, ende des- gelycx fullen onfe bannieren wt gefteken wor- den op die poerte tot ^mersfoert^enAetotRye- nen , ende aldair wtftekende bliven drie dagen lange , of ons dat genoecht.
Item off wy tuflchen hier ende van Paeflchen
naeftcomende over een jair felve tot Utrecht niet en quamen, foe moegen wy onfen getruwen He- ren Roelant van Wtkercken, mit anderen onfen ra- den ende vrienden , die des Geftichts ballinge noch viande niet en waren, fenden binnen der Stadt van Utrecht, onfe bannieren aldair tebren- gen, ende wt te doen hangen,gelyck ofwymic ons felfs livevoer ogen waren, ende des gelycx tot Amersfoert ende tot Ryenen, behoudelyck anders altyt der Stadt ende Geftichtevan Utrecht,gec- ftelick ende waerlick, in horen rechten ende vry- heden , fonder argelift. Ende hoewel dat die ,, voernoemde here Rodolph, Stadt ende Steden des Geftichts van Utrecht, ons mit defer zoe- ne gehouden fyn te doen die reverende ende oetmoedicheit , daer hier voer of verhaelt is , j, wy bekennen nochtan voir ons ende onfe naco- melingen, dat wy dair mede nu, noch in toeco- mende tyden,gheen recht an die Stadt, Steden ende Geftichte voernoemt vercregen noch ver- meten en fullen.
Item foe en fullen voertaen gheen ballinge ,
noch voervluchtige , die nu ter tyt wt Hollant geweken, ende binnen des Geftichts ftedenbur- geren of ingefeten geworden. fyn , aldair niet mogen wonen noch bliven, fy en fullen yerft
oirve-
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
.143°- JAARBOEKEN. 405
oirvede ende verloffenifle gedaen hebben, dat
zy tegens ons, noch onfen landen , ende die ons te bewynden ftaen , niet doen en fullen in ,, enigerwys. ende deden fy dair en boven, dat zoude Here Rodolph , Stadt ende Geftichte voirfz.doen rechten op hoer lyfmitten zweerde, waer dat men die bevynden konde in den Ge- ftichte van Utrecht voirfcreve.
Irem gevielt, dat hier namels enighe perfo-
nen, ballingen of voervluchtich worden wten lande van Hollant, van Zelant, of van Vries- lant, ende bynnen den voirfcreve Geftichte quamen, foe en fullen die binnen des voirfcre- ve Gettichts palen , binnen fteden, noch dair buten , aen defe zyde der Yfelen niet bliven noch wonen moegen., nae dien dat wy, ofon- fe Amptluden van onfer wegen den voirfcreve Here Rodolph, of der Stadt van Utrecht, of van dmersfoerde, dat mit onfen, of mit horen ,brie- ven fullen hebben laten weten, mer willen fy trecken an gheen zyde der Yfelen, dat fullen fy mogen doen in fuiker maten, dat fy eerft ver- loven fullen ons, ende onfen landen, ende die ons te bewynden ftaen , ghenen fcade te doen. ende wairt fy des contrari deden, dat foude men metten zweerde rechten an horen live in der ma- niere voirfcreve. Ende waert dat onder hem luden enige ons tonwille wair in fulkerwys, dat wy die daer niet hebben en wouden , fo en fouden fy daer niet bliven mogen , nae dat Here Rodolpb, Stadt of Steden van onfer wegen dat gecondicht zoude wefen , noch der landen gebruken , als voirfcreven is, ende dat falmen openbaerlick doen condigen over al in des Ge- ftichts kerken, ende alle die verloffenifle voer-
Cc 3 fcre-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||||
|
|
UTRECHTSCHE 1430.
t, fcreven fullen gefchien voer den Rechteren,
Burgermeifteren, Scepenen ende Rade ten fte^ den , dair fy woenen, of woenachcich worden. ,, ende dair fullen die Steden brieve doen of ma- ken, ende ons, ofanonfen TreferiervanHol- lant, tot onfer behoef die fenden, ons dair na te rechten. |
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
J»
n |
|
Item foe wie ons , of den landen van Hol-
nt, van Zelant, of van Vrieslant, verloffe-
|
|
||||||
|
|
||||||||||
|
|
nifle of oirvede gedaen hebben , ende fint der
zoene gemaedl tuffchen onfer liever nichte van Hollant ende ons menedich geworden fyn , die en fullen defe dedjnge niet gebruken noch genieten,
Item foe en feilen die onderfaten van Hollant,
van Zelant, van Vrieslant, ende andere alle die ghene , die met ons in defer veden hebben ge- ,, fyn , gegoet ende geërft wefende in den Ge- ftichte van Utrecht, vry ende quyt wefen van allen lail, coft , ongelt ende fcattinge, diegc- ,, fchietis, of fal mogen gefchien, om defer oir- logen wille, ende dat dair aft' roeren mach, zoe dat fy dair toe niet betalen en fullen, hier fyn ?, wtgeïceiden die Gelderfche, van dat hem hier of anrueren mach.
Item hoewaell dat die (lede van Bunfcboten
t, mit horen toebehoeren vry erve is,ende bliven ,, fal des GefHchts van Utrecht,'twelckewyoeck 5, bekennen mit defen brieve, wy fullen nochtan enen Stichtfe man dair in fetten, die dat regie- ren fal na den Stichtfen rechte, ter tyt toe,dat het gefcij wefende tufTchen onfen neve Here Z-vaeder fan Cuknborcb, Biffcop tot Utrecht, ende Here Rodolpb van Diepbolt, ende den Ge- ilichte voernQemt,geeyndetfajwefeOiendede-
»» fen
|
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
||||
|
|
143«>. JAARBOEKEN. 407
fen tyt duerende , foe fal die ghene , die dair
alzoe gefec wert,die nutfcap ende profyc aldair
,, opbueren ende ontfangen ende in gewairder
hanc by een houden, mit voerwaerden, dat hy
dan goede rekeninge ende bewifinge dair of
doen fal den genen, die an den Geftichte bli-
ven fall, indien dat binnen defer tyt gheen an-
der vouge dair in gevonden en wort. Ende
,, fullen alle die ballinge:, die wt Bunfcbuten ge-
weken ende verdreven zyn , dair weder in co-
men mogen , ende hoir goede ruftelick ende
vredelick gebruken , ende mit malcanderen
goetlick ende vrientlick gefceiden wefen,ende
gedicht van allen faken, die hier voertyts ge-
fciet ende gevallen mogen wefen om defer ve-
den wille; mer die voirfcreve ballingen fullen
eerft geloven ende oervede doen in handen der
Sqadt van Utrecht, daer omme niet te misdoen
in enigerwys den ghenen, die binnen Eun/cbo-
ten gebleven fyn , ende dair fullen brieven of
gemaect worden, die de felve Stadt fendenful-
len onfen Treferier van Hollant. Ende wairt
dat fy dairen boven misdeden, dat foudemen
rechten an hoir lyf. Ende den tyt des gefchils
hangende, die ballingen, die defer zoene niet
genieten en-willen , noch die vianden Heren
Rodolphs, der Stadt ende Geftichte voirnoemt,
en fullen binnen Bunfchoten niet comen mo-
ghen.
item foe fullen mit defer overdrachte alle
die ballinge out ende nye der Stadt, Steden en- de des Geftichts van Utrecht gebruken alle ho- ren onruerende goede, die fy hadden , doe zy wtruymden, ende oeck alle bore ruerendegoe- den, die fy zullen kunnen bevinden, diewelc-
C c 4 ke
|
|
||
|
|
||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
408 UTRECHTSCHE 1430.
ke in Heren Rodolphs, Stadt, Steden, of Ge-
ftichts oerbaer niet gecomen en zyn, wair die gelegen zyn in den felven Geluchte , binnen lieden ende daer buten. behoudelick dat alle die ghenen van hemluden, die dezer zoene ge- nieten willen , eerft oervede ende verloffeniiïe doen fullen , niet te doen in enigerwys regens Heren Kodolph , der Stadt, Steden ende Ge- ftichte voirfcreve , ende die ghene die dair in- ,, ne fyn, ende die de Stadt ende Steden nu regie* ren. ende deden fy dair en boven, dat fullen wy doen rechten aen horen lyf rnitten zweerde, ,, wair men die bevynden kan in onfen landen , ende dair wy bewynt of hebben. Ende die ver- loffenifle fullen zy doen in handen ons Gouver- neurs of Treforiers van Hollant,ende hoirbrie- ven dair of geven, die fy terftondt fenden en- ,, de overleveren zullen Heren Rodolpb, of der Stadt van Utrecht voernoemt. Ende fullen die ghene van hemluden , die defe zoene genieten fullen , mogen ftellen hoer procuratoers, die geen ballingen of vianden en fyn,om hoirgoe- den over al, binnen Steden ende buten , te be- wyndcn, ende te doen regieren tot hoirennuc- fcap ende profyte. Ende die Stadt ende Ste- den , daer fy goeden hebben, fullen hem die dan rullelic ende vredelic gebruken ende vol- gen laten , fonder argelift; nier die voernoem- de ballingen, ende elcx van hem luden, fullen bliven buten der mile van der Stadt van Utrecht ofte van der Steden, daer fy wtgeweken zyn, ten fy by confent Heren Rodolph voernoemt, ende der Stadt of der Steden, daer fy wtgezeit ofwt- getogen fyn , ende behoudelic der Stadt van Zisuolle alfulkere brieve , als fy van over twaelf |
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
1430. JAARBOEKEN. 409
jair , of daer te voren , hebben van horen ou-
de ballingen, in hoere macht te bliven. ende dit fullen die ballingen mede in hoere oervede loven ende zweeren. ende defen oervede fullen fy elcx doen, te weeten, die ghene die binnen 's lants fyn, binnen zes weken, ende-die ghe- ne die buten 's lants fyn , binnen drie maen- den na wtfprake der zoene, of fy en fullen der ,, felver zoene niet genieten, argelift hier wtge- ,j fceiden.
Item wie van defe ballingen voirfcreven de-
fer zoene niet genieten en woude, die en fal in onfe lande, of daer wy bewynt overhebben, niet wefen,hy en hebbe eerft oervede ende ver- loffenifTe gedaen, tegen Heren Rodolpb , der Stadt ende Geftichte voirfcreve, niet te doen. ende dede yemant dair en boven, dat zouden wy aen hem doen rechten over fyn lyf gelyc voerfcreven ftaet. ende defe oervede fullen fy doen, ende die brieve daer af falmen overleve- ren, als voirfcreven is Ende oft gebuerde, dat Heren Rodolph , Stadt ende Steden van Utrecht voirfcreven,niet en genuechde anfom- migen van de voerfcreven ballingen , dat fy die voirnoemde lofteniflTe en oervede deden onder hoeren fegel , foe fullen fy , ende des gelycx die gene die gheen fegel en hebben, die zelve verloffenis ende oervede doen voer onfen Gou- verneur, of Treferier vanHollant, dietophem tugen fal onder fyn zegel.
Item foe hebben wy Heren Rodolph van Diep-
holt, die Stadt van Utrecht, die Steden ende Geftichte voernoem t, nu regierende, ende daer ,, binnen wefende , tot hoere eerfter bede ende oetmoedigen vervolge, ende overmits denpun-
Cc 5 ten
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
4io U T R E C H T S C H E 1430.
ten voerfcreven, genomen in onfen befcudden
ende befcermenifle, foe dat fy over al in den onfen, daer wy bewynt hebben, te water ende ,, te lande, binnen Steden ende daer buten, ful- len veylich , ruftelic ende vredelic mogen va- ren, teren , merren ende mogen wefen, fon- der hem enige crafte, of gewelt gedaen tewe- fen in live noch in goede in eniger wys.
Item gheviele enich opftal in der Stade, Ste-
den ende Gefticht van Utrecht, tegendragen-
de genoemde Heren Rodolph t Stadt, Steden
ofte Geftichts voirfcreven , ende hem yemant
van hem luden,die dat dede,tonwille wair,foe
en fullenwy,noch die onfe,die nietbehulpich,
,, vordelic, noch biflandich wefen in enigen ftuc-
ken , Heren Rodolph, ende den Regierders
voirfcreven tegendragende , noch gehengen ,
dat fy in den landen van Hollant , Zelant ende
Vrieslant verkeren fullen,noch dieregebruken,
nadien dat Here Rodolph, Stadt, ende Steden
ons dat fullen hebben laten weeten. Oeck en
fullen wy niet gehengen, dat enige vreemden ,
die Heren Rodolph, Stadt, Steden ende Ge-
ftichte vianden fyn, of werden, comen fullen
in onfen Steden ende landen, of daer wy be-
wynt hebben , hem daer in, daer wt, of daer
doer te befcadigen in enigerwys, alle argelill
hier in wtgefceiden.
Item fullen alle onderfaten, hulperen ende
hulper hulperen van beiden fyden vrycomenop ten hoeren , alfoe die nu fyn, het zy leen of eighen , ende op hoir oude brieve, die fy daer ,, of hebben , gelyc zy voer der veden waren, ende eer yemant fyn leen opgefeit hadde, ende dat van defer veden roert, wtgefceiden de ballin-
» gen
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN. 411
gen der Stadt ende Geftichts van Utrecht, die
des hoirs gebruken fullen in der manieren voir- fcreven, ende anders niet.
Item fullen ftaen roef tegens roef, brant te-
5, gens brant, dode tegens dode, quetfinge te- gens quetfinge , ende alle neminge tegens ne- minge, hoe, of wie, het fy geeftelick of wair- ,, lick, die gefchiet is binnen defer veden, ende ,, die gevangen dié ons, of Heren Rodolpb, Stadt, ,, Steden ende Geftichte toe beiden fyden of ge- ,, vangen fyn, quyt, ende desgelycs alle onbetaelt ,, geit der gevangen quyt, alwairt oeck verwyft, of verwyft te betalen, oeck mede waertfake, dat an die een zyde, of an die ander fyde enige ,, gelofte van gelde, heimelic of openbaer, ge- fciet wair van brantfcattinge in defer veden, die gelofte fal dair off quyt ende te niet wefen.
Voert fo fullen quyt wefen tot defen dage toe
alle afterftallige erfrenten , die van den Here, of van fyn dienres, gebuert ende quytgefcou- den zyn,
Oick fullen alle die ghene van beiden fyden,
die defer zoene genieten willen, quyt wefen van alle afterftallige lyfrenten, die verfchenen fyn zeder den eerften dach van Oclobri ximc. ende xxv. dat wy als Governeur der landen van Hollant, Zelant ende van Vrieslant in die lan- de quamen, totten eerften dage van Mey left- leden: ende alle lyfrenten verfchenen voer den eerften dach van Oftobri falmen voirtan beta- len den ghenen, die menfe fculdich is,of hoe- ren erven, waren fy geftorven, op dien dach ,," der betalinge ; te weten op elke toecomende nye termyn enen ouden termyn met die nye, ter tyt toe, dac die oude lyfrenten verfchenen voir
die
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
UTRECHTSCHE 1430.
]
die tyt ons Regiments voirfcreve hem betaek
fullen wefen, fonder arch ende lift. Ende alle lyfrenten van Meye dage leftleden verfcenen tot defen dage der foenen toe, felmen betalen binnen den naeften fes weken na der wtfprake der zelver zoenen : ende defe betalingen voir- fcreven fullen aldus gefchien fonder enige pene, die verfchenen waren , dair of te nemen, tot defen dage toe der wtfprake voirfcreve.
Item fullen alle rechtvorderinge, die binnen
defer vede gefchiet fyn, hoe, waer, of in wat fchine , die gefchiet mogen wefen, claerlick doot, af ende quyt wefen; wtgenomen, dat alle die gheene,die fculdich fyn tot eniger Dyc- ,, kaedfe van den Zeedyck, of anders wair water- ganck-gelt, ende alle ander geit wtgefett voer elcx gemeens lands oirbar, geven ende betalen fullen een fcatgelt , fonder meer, binnen fes weken, nae dat die zoene wtgefproken wefen ,, fal, van al des op hem tot defen dage toe mit rechte gevordert heeft geweeft. Ende alle die onderfaten van beiden zyden fullen hoir dyc- kaedfen, wegen ende wateringen voirtan doen bewaren,ende hoir geit,dat menophemrecht- ,, vaerdelic mit goeden bewyfe nae den rechten rekenen fal, betalen alft behoirt.
' Item dat alle onfe onderfaten , hulperen ende
hulper hulperen, defer zoene genietende, die * hoir goede verfet hebben tegens den Sticht* fchen, die hulpers fyn geweeft Heren Rodolphs, Stadts ende Geflichts voirfcreve,dair die daghen van der losfinge of omgegaen fyn binnen defer veden , ende om defer veden wille die niet en hebben mogen loiïcn, fullen 'die felve verfette goeden mogen loflen binnen een jair na wtfpra- ke |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN. 413
ke defer zoene, voir alfoe veel geks, als fy die
" geloeft zouden hebben ten dage der af losfinge.
Item fullen wy ende Heren Kodolph , Stade
ende Steden voirfcreven van onfer beider Rade
tot des anderen verfuecs fenden op die palen
van onfer lande van Goylant, om te befceiden
elck fyn palen, die hem van rechts weghen toe*
behoren.
Item fullen alle die onderfaten van beiden zy-
den veylich ende ongehindert in des anderen landen ende Steden, te water ende te lande on- der malcander mogen varen,-keren ende.wefen op hoir gewoenlike tolle, privilegiën, rechten ende vryheden , wtgenomen die ballingen te beiden fyden , die anders niet dair in en ful- len mogen verkeren, dan alfo voirfcreven is. Ende wair yemant van den onderfaten voirfcre- ven , die deen op ten anderen yet te feggen ' of an te fpreken hadde , dat fal hy doen mie " rechte, ende anders nier. ende des fal men hem " dan een onvertoge recht doen tot allen plaet- " fen , dair dat gebuert, fonder enich vertreck ' dair in te zueken, ofte laten gefchien in eni- " gerwys, zoe dat die verweerre gheen weere fal " mogen doen van dies men hem eyfchende werr '' anders, dan mit quitancie, mit fynen ede, of mit " goeder bewifinge van betalinge : Ende fullen " oeck mede die oude compofitien gemaeft tuf- " fchen den landen van Hollant , Zelant ende '' Vrieslant, ende den Geftichte voirfcreve, in " hoirre volcomenre macht wefen ende bliven, " gelyc men die tot hier toe geplogen heeft.
" Item gevielt dat Heren 7ioófo//>/b,dieStadtvan
" Utrecht, die Stede van Atnersfoert , of anders " die Steden des Geilichts van Utrecht, enige
"ge-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
4*4 U t R E C H T S C H E 1430,
** gebreken cregen, of yemant van den horen toe
'' eniger tyt tfy'n genomen worde, of fcade ge- " fchiede boven defer zoenë , zoe fel Heren Ko- " dolph, Stadt ende Steden voirnoemt, wien die " fcade gefchiet wair, ons daïrom fcriven, ende " hoir gebreck off fcade openen ende groten , " ende ons dair of te dage eyffehen binnen een " maent dair naelt volgende , tot Putcuyp (i), " ende zoe lal , diet gebreck of fcade geleden " heeft, op dien dach ende plaetfe comen, ende " daer fyn gehout doen, ende fyn gebreck ende " fcade groten mit fynen ede , ende mit vier " goede wittaftiger mannen, die dair an winnen " noch verliefen mogen, die dat mit hem ten hei- " ligen zweren, ende die gebreke of fcade groten " fullen, fonder arch ende lift. Ende defe ede " fullen ende moghen fy doen voer den Raden, " die dair op dien dach ende plaetfe comen ful- " len. ende des gehouts ende grotinge van den ge- " breek of fcade voirfcreve , ende oeck van der " kunde der gheenre, die dat gehout mede doen " feilen , alfe dat fy goede wittachtige mannen " zyn , fullen die Rade voirfcreve alfe Rade hoir " bezegelde brieven geven dien ghenen , die in " gebreke of befcedicht is. Ende zoe wanneer " die ghene , diet gebreck hadde , of befcedicht " wair, fyn gehout mit hem vierden dair op ge- " daen heeft, als voirfcreven is, foe fullen wydie " gebreken ende fcade gelden ende betalen, of " doen betaelen nae inhout zynsbewys,endegro- " tinge fyner fcade of gebreke voirfcreve, binnen
" een-
(i) Putcuyp. Deze plaats is gelegen tuflchen Hermeien en
Woerden, aan den Rhyn, zynde te dezer tydt noch eene her. j genaarct de futkop. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN. 415
" eenre maent dan dair naevolgende den ghenen,
die den fcade ende gebreke geleden hadde, en- de gehouden als voirfcreven is , fonder meer " vertrecks ende vervolchs dair in te laten gefchien. Ende des en fullen wy, noch nyemant anders, ons, of hem, daer of onderwynden, die beta- linge ende richtinge en fal gefcien in der maten voirfcreven. ende alle die ghene, die tot defen dage voirfcreve ende plaetfen comen fullen om der gebreken ende fcade wil voirfcreve, zyn zy Rade , clnger of getuge , van allen zyde, die zullen een vry geleide ende gantze veylicheic hebben an ende of te komen, fonder arch ende lift , wtgenomen die vianden , ballingen , of " vredeloes der lande of der fteden waeren. " Behoudelick in allen anderen faeken ons ende onfe landen, die vvy te bewynden hebben, ende " Heren Kodolph, Stadt, Steden ende Geftichte voirfcreve , in onfen , ende in horen , rech- " ten te bliven , ende desgelycx Heren Zweder " van Culenborch Biffcop van Utrecht, ende den " Ecclefien van Utrecht die mit hem wt fyn,ende " oeck Heren RoedoljffvanDiepboltidenÉcclefiGn " die binnen fyn ende der Stadt,Steden endeGe- " ftichtc van Utrecht voirfcreve, te bliven in ho- " ren rechten van der gefcelen, die fy hebben den. " een tegens den anderen , fonder argelift.
" Ende of in defer foenen,ofin enich derpun-
" ten , daer in begrepen enich gebreck geviel , " dairom en foude die felve foene niet verbroken " noch gemend: wefen , mer foudemen dat ge- " breek rechten van der zyde , dair dat gefciet " ware, in der manieren voerfcreven , ende zou- " de nochtans die foene voerfcreve in allen pun- " ten in horen volcomen macht wefen ende bliven.
" Welc-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
4i6 UTRECHTSCHE 1450.
" Welcke focne ende minlike overdracht voer-
" fcreve , ende alle die punten daer in begrepen " ende êlcx byzonder, wy mit onfen vryen wille " geloeft hebben ende geloven , by onfer truvven " ende vorfteliker eren , te houden ende te vol- " doen , ende te doen houden ende te voldoen, " ongemeynft ende onverbroken, alle argelift en- " de nye vonden claerlic wtgefcheiden. Ontbie- " den dairom ende bevelen alle amptluden ende "rechteren, dienaren ende onderfatcn onfer lan- " den , ende die ons te bewynden ftaen, mitga- " ders allen anderen, wien delen faecke anrueren " mach, ende een ygelicken byzonder, dat fydie " zoene ende minlike overdrachte voirlcrevehou- " den ende volcomen , fonderdair tegenstedoen, " ofte gaen in enigerwys Ende wairt datyemam " die contrarie dede , fo bevelen wy onfen ampt- " luden , rechteren ende dienaren voirfcreven , " dat fy dat rechten ende corrigeren an diemisda- " digen an horen live ende goede, nae gelegent- " heit des misdaets in der manieren voerfcreven, " ende des niet en laten , op al dat fy van ons " houdende fyn. waert daer enige veyfinge , of " verfumenifle in gefchiede , dat wouden wy an
hem houden, ende verhalen, als wy doen zou-
" den an den voerfcreve misdadigen. ende des ten " oirconde foe hebben wy onfen zegel hier an " doen hangen. Gegeven tot Brugge den twalef-
ften dach in Januario in'tjaer ons Heren dufent
" vier hondert ende xxix. (i)
Schoon in deze zoene de Poftulaet, de Stadt
Utrecht en de Steden van het Sticht zich verbon-
" den
(i) Te weten naar den ftyl van den Hove, doch naar den
Utrechtfchen in 't jaar i^-jOt zoo als wy hier voor reets aan. getekent hebben. |
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
1
|
||||
|
|
|||||
|
|
JAARBOEKEN. 417
den hadden, om vergiffeniiïe te verzoeken van het
geen zy den Hertog misdaen hadden, op de wy- ze in de zoene uitgedrukt; zoo vindeik echter niet zulks gefchiet te zyn , zullende de Hertog zich vergenoegt hebben met de toezegginge.
Ook heeft Hertog Philips dezen brief aan het
Gefticht van Utrecht gegeven: " Philips Hertoge " van Bourgoengen , Grave van Vlaenderen van Artois, van Borgocngen , Palatin $ ende van Naemen, Heer van Salms ende van Meehelen, Ruwaert ende oir der lande van Henegouwe , van Hollant, van Zelant , ende van Vrieslant, doen cond allen luden: alfoe wy met Heer Koe- dolff'van Diepbolt &c. der Stat , Steden, ende " gemeyn Gefticht van Utrecht overcomen fyn eenre minliker zoene ende vruncfcap van den oirloge,dat lange tyt geflaen heeft tuflchcn ons ende den landen van Hollant, van Zelant ende van Vrieslant voirfcreve aen die een zyde,e'nde Heer Roedo/f, Stat, Steden ende gemeyn Ge- " fticht voirnoemt, an die ander zyde , fo nebben ": wy gewilkoert ende geloift, wilkoeren endege- " loven mie dezen brieve Hcre Roedolff', land , " Stat, ende Steden's Geftichts van Utrecht voir- " fcreve , dat wy niet gchengen en zullen, dat " Heer Kuedoljf, of enege burger, ingefeten , of " onderfatc des zelfs Geitichts in enige fyden def ' Yflel, van wat ftate of conditie hy zy, gelet, " gevaileert, of becommert wefen lullen in live ' noch in goede, tot eniger tyt, in denvoirfcre- " ven landen van Hollant, van Zeelaht ende van Vrieslant, of in enich der lelver landen binnen " Steden noch dair buten, dair wy dat vernemen " of vertrekken mog,en mit enigen brieven of be- " velingen, vercregen, of die men hyr na verwer*
D d " vea
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
||||||
|
|
4fS UTRECHTSCHE 1430.
" ven mochte van enegen Heer of Vrouwe , om
" wat zake dat dat zy, of wefen moghe, anders,
" dan na ende mitden rechten der landen van Hol
" lant, van Zelant ende van Vrieslant voirfcreve,
" of van den genen der felver landen, dair men
" die becommeringe doen woude, na inhout der
" voirfcreve zoene gemaicT: tuflchen beyden. Be«
" houdelic dat Heer Roedoljf, Stat ende Steden van
' Utrecht voirfcreve mit hoeren brieven desgelicx
" geloven zullen, dat zy niet gehengen en zullen,
" dat enege burger , ingefete, of onderfate der
" felver landen van Hollant, van Zelant ende
" van Vrieslant, gelet, gevafteert of becommert
" wefen zullen in live noch in goede, in dievoir-
" fcreve Sticht van Utrecht, binnen fteden noch
" dair buten, nu,nochintoecomendentyden,mit
" enigen brieven of bevelinghen, vercreghen, of
" die men verwerven mochte van enigen Heer of
' Vrouwe, om wat fake dat dat fy, of wefen mo-
" ge, anders dan na ende mit den rechte des voir-
' fcrevcn Geftichts, of de Stat, of plaetfe des-
" zelfs Geltichts, dair men dat verzoeken ende
" verwerven mochte, gelyc voirfcreven ftaet, al-
" Ie argelift hyr in wtgefceyden. Ende des toir-
' konde fo hebben wy onfen fegell hier aen doen
" hangen. Gegeven in onfer flat tot Brugge den
" veerdenften dach in Januario , int jair ons
" Heren dufent vier hondert negen ende twin-
" tich.
De Gelderfche en Hollanders hebben breetuit-
gemeeten de fchaden , die zy de Utrechtenaars gedurende dezen oorlog hadden aangedaan, en de fchatten ,die zy van hen hadden bekomen ,ja zelfs uitgeftrooit,dat zy tot de uitterfte armoede verval- len , en van alles berooft waren. Waarom, vol- gens |
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
1430. JAARBOEKEN.;
gens het verhaal van Heda (r), die van Utrecht,
al te kitteloorig om dit te verdragen, openbare fpeelen en vertoningen hebben doen aanzegger», en ieder, die maar komen wilde, genodigt om die by te wonen , onder toezegginge van een vaft «n zeker geleide. Heda voegt'er by, datzyppdtes tydt drie dagen achter den anderen hunne kofte- lykhedcn opentlyk, van de Bakkerbrugge tot aan.de Rodenburgerbrugge toe, ten toon geltelt hebben, om de aanfchouwers te overtuigen van de onwaar- heit van hunne armoede , en verlies in den voor- gaanden oorlog, en, zouden'er, te dier tydt zoo veele koftelykheden van gout en zilver in het opejjf baar gezien zyn geweeft, dat alle de fchatten van Gelderland en Holland in de Stadt Utrecht fchee- nen gebracht te zyn. Schoon men dit verftaan moet, niet als of alle die koftelyke huiseieradien van de Bakkerbrugge langs de muren van de gracht aan de wederzydfche kanten tot de Rodenburgerbrugge geftelt zouden zyn geweeft; maar alleen maar op de bruggen van de Bakkerbrugge tot d,e RodeöbUrget- brugge toe, op welke dezelve op drie traps banken afhangende vertoond wierdan, zoo twyftel ik ech- ter zeer aan de echtheit van dit verhaal, dewyi Veldcnaar hier van geen gewag maakt, en ikgee- ne meldinge daar van in onfes Raadts of Buur- fpraakboeken vinde. Ik kan ook niet licht gelo- ven , dat de borgers tn ingezetenen te dier tv.dc zoo veele rykdommen zouden bezeeten, of door dezen oorlog overgewonnenhebben;wantfchoon zy nu en dan in hunne uittochten niet ongelukkig zyn geweeft, zoo beftont doch de verkrecge buit, « die
(i) Hift. Trajeft. p. i8<J. Ziet ook Pontanns lib. ix. Hi.
flor. Gelr. p, 451,
Dd a
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
4*o U T R E C H T S C H E '1430.
die van het platte land gehaald wierd, meeft in
Vee en gevange manfchap der vyanden, en kon- den de verkopinge van het eerfte, en de losgel- den van de laatften zoo veele fchatten niet uitma- ken. Te (lellen, dat de Geeftelyken hun gout en zilver tot deeze vertohinge zouden geleend hebben, komt my niet aanneemelyk voor, dewyl hun gout en zilver ten dienfte der kerke eens gewyt, tot ge- bruik van wereldfche zaken niet mochtegebezicht worden. Ook kan de Raadt dezer Stadt, uit ^de Stadts goederen deze vertooninge zoo luifterryk niet gemaakt hebben,dewyl die met fvvare fchulden, door den oorlog veroorzaakt, bezet was; want in het flot van des eerften Cameraars rekeninge van het vorige jaar 1429. gedaan, vinde ik, dat den ontfangft 129641. ponden 9. ft. en 4. duyten , en den uitgaaf 222059 -11-7. bedragen heeft, en dus meerder uitgegeven dan ontfangen was 92418 - 2 - 3.
Omtrent het einde van dit jaar heeft Biflchop
Svaeder alzuike hoge Heerlykheit, als hy in den ker- fpel en lande van Montfoort hadde, verpand aan den Burchgraaf^o^» voor twaalf duizent Holland- fche fchilden. (i) |
|
||||
|
|
||||||
|
|
i 4 3 L
De Regenten van het jaar 1431. zyn geweeft:
. -
Schepenen,
'.,
Jan van Lichtenberch.
Willem van Winfen. v
Wil.
(i) Ziet Matth. de Jur< Gladii cap. xi. p. 14.4* |
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN. 421
Willem van Alenderp.
Godertde Coninck, Borgermeefler.
Steven van Nyenvelt.
Henric Vrencks zoen.
Goedfcalc van Winfen.
Adriaen van Lantscroen.
Vrederiq van Drakenborch.
Reynier van Tetwyc.
Peter Rwiïche.
Geryt Voern van Kersberch.
-
, Raden.
. i
Jacob die Voechc.
Gheryt Knyff Ermbrecht Over Ryn. Loeff Haeflert. Gheryt Foyt. Henric Sloyer. Johan van Amerongen. Wouter Stevens zoen' Jan Rwflche Peters zoen. Tideman Nypyfer. Johan van Hamelenberch. Henric van Scalcwyc. Ghifebrecht van der Horft. Willem Jacobs zoen. Gheryt Bolle. Henric van Loenrefloet. Matheus Pot. Jorden Wouters zoen. Reyner Arnts zoen. Gheryt van Vlueten. Roeloff Tidemans zoen. Ghifebrecht de Grute.
DdS Jatf
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||||
|
|
4*i Ü t R E C H T S C H E 14;
Jan Proys van Lichtenbercru
Egbrecht van Gruenenbercb.
. *
Oudermannen.
Pilgrim de Wael. } Wantfniders.
recer over de Vecht. »
Henric Stamer. T. sni(jers,
Jacob Wouters zoen/
Jacob Scrodekyn. }Backers>
Claes Geryts zoen. J
Gheryd van Maerfen.}MoIenaers<
Gheryd Aernts zoen.
Henric van Gelre. } Lynnewevers.
Ysbrant Jans zoen. J Henric Jacops zoen.} V1 shouwers. Jan Foeyt. J }
r t rf^
|
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
Herman Claes Brants zoen) Louwers>
Gheryd Albertszoen.i Wollewevers Willam Holle.
Henrick de Witte. » «/» , i
T , , > Marsluden.
Lambert van Zulen. J
Jan van der Meer. j Botterlude».
Arnt van Tiell. J |
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
|
|
||||||||
|
|
Jacqb Scout.
Jan Grlwen Hugens zoen. * Corenc°Pers'
Willam Block. 7/~»..j ._/-..j._ |
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||
|
|
Ge-
|
|||||||||
|
|
||||||||||
|
|
i
|
|||||||||
|
|
||||||||||
|
|
|||||||
|
|
1431. JAARBOEKEN. 423
Geryd van Hensbeeck. 7 c ,. ,
Peter Hubert Daniels zoen. > Steenbickers. Tyman van Hamerfteyn. > ^ .
Evert Gerydts zoen. > Graeuwerkers.
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
Evert Claes zoen -> n ,,
Rutger Egbrechts zoen* Bylhouwers.
Arnt Oge. -» c
JohanvtnBenfcoep. > Smeden'
Willam die Hafe. \ 7 A \
Lambrecht Meynfenzoen/
De Canoniken, Biflchop Swtder blyvende aan-
hangen, en uit deze Stadt naar Arnhem geweeken, hebben noch eene nadere bulle van Paus Martl- nus den vyfden in het begin van dit jaar te voorfchyn gebracht, waar by die Kerkvoogd alle te voren uit- gefprokene bannen en interdicten,tegensRudolpb van Dlepholt en zyne byftanderen bevefticht, en alle gelovigen vermaant Biflchop Svoeder te bly- ven aanklyven , en hem alleen te erkennen voor hunnen herder , met verbot van eenigen handel, wandel of verkeeringe te hebben rnztRudolpbvan Dïepbolt en zyne begunftigers, welke hy van ket- teryen te recht verdacht, hardnekkige zondaars, en de zamenleevinge der gelovigen onwaerdig oordeelt. Doch Diepholt,&n die het met hem hiel- den hebben zich hier aan weinig geftoort.
Door eenen fwaaren brand,buiten de Weerdpoort
ontftaan, is het Kloofter van Hierufalem, welkers ftichting ik op het jaar 1419. gemeld heb , in kooien geleyt, en zyn de huizen in het Gerecht van Lauwenrecht meeft afgebrand , en de vlam- me, overgefiagen in de Stadt, heeft verfchei-
Dd 4 den
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
||||||
|
|
4*4 U T RECHT S C HE 1431.
den woningen op het Sand by de S. Jacobs kerke
vernield, (i)
De Raadt dezer Stadt, waakzaam om de rech-
ten en voordeelen hunner borgeren voor te ftaan, heeft zich in dit jaar beklaagt, dat de Utrechtfche borgeren , met hunne koopmanfchap de markt te Antwerpen bywoonende , indracht leeden in de aan hen voortyds vergunde vryheit der Tol- rcchten , waar op hen dit ancwoort is toegeko- men:
" Eerbaren, wyfcn, endc befcheide-
" nen Borgermeyiteren , Scepen "..ende Raden van der Stad van ' Utrecht, onfen lieven ende gc- " minden vrenden.
" Eerbaere, lieve,geminde vrende. Op tgeent
" dat gy ons hebt gefcreven aengacnde de vryheit " van uwen borgeren , die fy Jouden hebben in " den Toll tAntwerpen, ende anderfins, gelyck " een inftrument ons overgefonden dat wail ver- " clairt; foe hebben alfo verre gefproken ende " gearbeit by den Rade ons genedichs HeresHer- " toghen van Bourgondien ende van Brabant,dat, " na wtwyfen des voirfcreven inltruments, uwe " coeplude ende borgeren gehandelt lullen wer- " den in den voirfcreven toll, zonder meer ofte " zwaerder belalt te wefen , alfo dat fy hoir vry- " heit gebrukcn zullen in dier voegen ende ma- " nieren, den tyd lang geduerende van vier jaren, " deen after dander volgende, na datum deferlet- " teren, behoudelic altyt de heerlicheit ende recht " ons gnedichs Heer voirfgreven , dat finen toll
' (i) Heda p. iS6.
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|||||||||
|
JAARBOEKEN. 425
aencleeft; want dit es geconfemiert in manie-
ren van graden, ende van goetduncken. Eer- baere, lieve, geminde vrende, anders en heb- " ben wy op defen tyd niet connen gedoen, hoe- well ons dit zwair geworden es, ende dit heb- ben gecregen mit groten arbeyde. Gelyck eni- ge uwe coeplude well gefien nebben, ende bid- dens dair omme dit te dancke te nemen; want of wy, verleden fynde die voirfcreven vier jaren, in defen faken , ofte in enigen anderen, u to lieve yet connen gedoen, dat fullen wy gerne " altyd doen willen na onfén vermogen, dat God onie Heer kenne, die u altyd moet bewaren ge- " font ende felich. Gefcreven xxix. dage in Meye " in "t jair xxxi. (i)
Ik vinde , dat de Raadt dezer Stadt in dit jaar
wederom ordre geftelt heeft op het onordentelyk oeffenen van de Jacht, hebbende des faturdagsna Katherine ter klokke laten afkondigen , dat het oneerlyk en onbehoorlyk was, konynen of hazen te vangen met panden , budelen , foretten, ga- ren , of daar na te fchieten met bogen; en dat zy den genen, die tegen het verbodt des Raadts, zulks deeden , niet zouden verantwoorden, maar overlaten aan het goetdunken des Biflchops, om daar mede te begaan , als met den genen , die hem V zyne ft a Ie; beboudeliken , dat een ygelic goet man wel mit fitten wynden jagen, ende van- gen mach coninen of hafen , die by verlopen kan.
Tot
(i) Schoon uit het einde dezes briefs niet blykt, aanwien
de Raadt dezer Stadt hunne klachten heeft gedaan , en wie hen dit antwoort heeft gefchreven, zo geloof ik echter, dat de |
|
||||||||
|
|
|||||||||
|
|
brief van de Regeerders der Stadt Antwe
|
"*"'
|
|
zal afgezon-
|
|
||||
|
|
|||||||||
|
|
den ryn.
Dd 5
|
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||
|
|
420 UTRECHTS C HE 143*.
1432.
Tot de Regeeringe zyn voor het jaar 1432. ver-
iooren:
Schepenen.
Dirc van Houdaen, Borgermeilter.
Aernt van Amerongen.
Herman van Steenre.
johan Pot.
Braem van Lantscroen.
Johan de Coninc.
Johan Trinde.
Reynier uten Hamme.
Johan Sloyer.
Henric van Nyenvelt.
Peter van Snellenberch.
Johan die Wael.
.
Raden.
Johan Zittert.
Claes van Grunenberch.
Huge Goyer.
Dirc de Goyer Willems zoen.
Eerft van Gruenewoude.
Claes Otten zoen.
Vranc Godeverts zoen.
Lodewich die Waêl.
Johan van Tyel.
Peter van Abcoude.
Claes uten Elsweert.
Willem Clotinc.
Ghifebrecht van Raephorft.
Johan
|
||||
|
|
|||||
|
|
,
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
|||||||||
|
|
!J A A R B O E K E N. 427
Johan van Hamerftein.
Johan Walmér. Peter Stevens zoen. Eerft Jans zoen. Wenmer van Maerfen. Werner Braem. Aelbert van Dam. Claes Steffens zoen. Pouwels Scrodekyn. Willem Verwet. Hubert Daniels zoen.
Oudermannen.
|
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
Henric Hafert. -> Hackers
Henric Jacops zoen vanAflum.-»
|
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
Egbcrt Paelvoet. , yieyfchouwers.
Coenraet Jacobs zoen.J
Peter Calle. y Vifchcopers.
Gysbert Claes zoen. »
Roetart Proys. -, Louwers Egbert van der A. > LOUW HairmandeVroede.j Wdl Jan Steen.
Herman de Wit. » MarsiJen.
Henric TrindeVrederix zoen/ Marsluc
|
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
Wil-
|
||||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
428 UTRECHTSCHE 1432.
|
||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
Willam van Weelden.-,
|
|
|
||||||||||||
|
|
Botterluden.
|
|
|||||||||||||
|
|
|
|
|
||||||||||||
|
Herman Ploechmakeiv
Geryd de Haen. } Cordewaniers,
Geryd Jans zoen. s
Geryd Stillinck. } Oudecordewaniers.
Arnt Egberts zoen. s
Eyerc Voscuyl. } Corenco ers.'
Claes Dedel Lamberts zoen.J
|
|||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
Vrederick de Witte
|
|
} Oudewantfnyders.
|
||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
Reyner Modde.
Meyfler Arnc van der Borch. ->
T, J ,j , o , f
Peter Hubert, Huberts zoens zoen.J
Jan Vuyftinck. } Graeiwerkers.
Jacob Dircx zoen. J
GvsbertLouwerenszoen. } R}emf ders.
Hennck van Ghend.
Jan van Lichtenberch dejonge.-, Bvlhoüwers
Willem Arnts zoen. * öymouw
Geryc Benfcop. T ^maAa.
Keesken de Brune. *
Henrick de Hafe.
Willem Jans zoen van Scherpenborch
Vier onzer Utrechtfche borgers te Brugge in
Vlaanderen getoeft zynde van eenen, die lyfren- ten ten lafte van de Stade Utrecht te eiflchen had- de , is daar over een verfchil voor den Raadt der Stadt Brugge ontftaan, welke onze aangehoudene borgeren vry verklaart heeft by vonnifle, welkers affchrift van dezen inhout is:
' Wy Borchmeefters, Scepen ende Rade van
der Stede van Brugge, doen te weten allen lie-
" den , dat voir ons in wetten commen zyn Jan
" Haec Jacobs, gebore van Utrecht, eefchere aen
" deen fyde: Woutrevan Fyane, Godevaird de Co-
ninc.
|
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
1432- JAARBOEKEN. 429
ninc, Zy brand Paeu en de Henric van Wercou»
den, Poirters van Utrecht, gelet ende becom- mert then verzouke den voirfcreve Janne Haect verweerrers, an dander zyde, by caufe van twe hondert twintich pont, negen Dordrechtfche placken gerekent voir een pont, die de voir- . fcreve Janne Haec den zelven IVontren, Godé- vairt, Zybrand ende Henrick , als poirters van Utrecht, eefchende was tachter van achtejaren, by caufe van xxnii. ponden acht fcillingen der voirfcreven munten lyfrenten, die welke Borch- meefters , Scepen , Raet ende die gemene Ou- dermans van den ouden ende nyen Rade der Stad van Utrecht, by wille ende confente der gemeenre gbilden,wilen verzochten JacobHaec " ende Joncfrouw IVenddmoet finen wive , then live van den voirfcreve Jan Haec haer beyder kinde ; te weten achte pont by haren letteren , befegelt mitter voirfcreven Stad fegell,gegeven " in 't jair MCCCC. ende drie op finte Agnieten " avond. Item acht pont by haren letteren befegelt " als boven, gegeven in 't jair MIIIIC. ende zevene " daechs nner finte Agneten dach: ende acht pont " fcillinge groten mit hare letteren befegelt als " boven, gegeven in 't jair MCCCC. ende elve des " anderen daechs naar finte Meertyns dage. Dair " op die voirfcreve Wout er e, Godevar d, Zibrand " ende Henric verantworde , dat fy van de voir- " fcreve letteren niet en witten,. ende dat fy die " rente dair in begrepen , niet vercocht en had- " den, noch helpen vercopen, zeyden voirt, dac " fy , noch die gemeentucht van den voirfcreve " Stad van Utrecht, in den voirfcreven letteren " niet verbonden en fyn, of emmer niet zo, dat ** die voirfcreve Jan Haeck by dien mogende es
" hem
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
430 U T R E C H T S C H E 1432.
" hem lieden in live off in goede te doen letten off
" arrefteren, begerende myd? dien ontflegen te zi- " ne; den Vbirfcreve^sw Haeck zeggende de con- " trarie , te wetene , dat fy ende alle die andere v poirters ;van Utrecht in de voirfcreve renten " verbonden zyn; want na dat die Wet ende Ou- " dermans van den ouden ende nywen Rade by " wille ende confente van den geinenen ghilde , " die als die gemeentucht der voirfcreve Stad ge- " rekent fyn , die voirfcreve rente vercocht heb- " ben , ende dat geit in den gemenen orbair der " felver Stad naer den wtwyfe van den voirfcre- " ven letteren bekeert was, dat al 't gemene, en- " de elc poirter der zelver Stad dair in verbonden " ende gehouden fyn. Op welke gefcill gehoirt " all 't geene dat die voirfcreven pertien dair toe " togen ende zeggen wilden, ende de voirfcreve " letteren van lyffrente ripelike overfien , by ons " Scepen voirfcreven gewyft heeft gezin , ende " es, dat die voirfcreve Jan Haeck fculdich es de " voirfcreve poirters van Utrecht vandervoirfcrc- " ve lyfFrente te latene ongemoeyt. In oircon- " fcepen van welken dingen hebben wy deze let- " teren gedaen zegelen mitten zegel van zaken " van der voirfcreve Stede van Brugge. Gemaeft " ende gegeven int jair der geboirten ons Heren ' MCCCC,. twee ende dertich op ten xxft? dach van " Februario
Schoon het by veelen te dezer tydt de gewoon-
te was, dat borgers, uit wanbetalende ftedenko- mende in plaatzen , daar de fchulteiflchers woon- den , aangehouden wierden , om dus de Regeer- ders te verplichten, ter loffinge en fchadeloosftel- linge hunner borgeren , de verfchuldigde renten te voldoen i zoo heeft echter de Raadt dezer Stadt
dit
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1432. JAARBOEKEN. 431
dit gebruik niet goetgekeurt of nagevolgt tot den
jare 1448. wanneer zy, om dat het hunne borge- ren in andere plaatzen gefchiede,zulkstoegeftaan heeft.
In het begin van dit jaar heeft de Raadt eenbe-
fluit genomen nopens het malen van het koorn , en het loon der Molenaren , in dezer voege : Is overdragen by Soepen , Rade ende Oudermanne , dat die Moelnarén malen zeilen eerfte den Backe- ren boir koirn, ende dat balen ende ivederbrengen , ende dair afhebben van eiken mudde, dat fy op ter wyntwolen malen enen halven Johannes braspen- ning , ende van eiken mudde tive pont totter lakin- ge; ende laiffe dat koirn meer, zo zelmen hem cor- ten voir elc pont, dattet meer laettte , enen hal- ven Johannes braspenning ; mer dat koern , dat men op ter rosmalen maelt, dair felmen of geven van eiken mudde enen Jobannes braspenning, ende niet meer.
. Ende in den felven manieren felmen oick denbor-
geren ende gemene volke malen.
Ende wair enicb moelenair, die meer naem van
yemants koirn, dan defe voir/breve over dracht e bout+ die feil verbueren vyff pont, al/ö dicke als by datde- de. ende van dien vyf ponden feilen hebben die Stat twee pont, die gene diet "uitbracht fwe pont, ende die Busmeyfters van den Rade een pont, om dat j j dat wtpanden feilen.
De ballingen en uitgewekenen, fchoon nu gee-
ne hulpe uit Gelderland of Holland ontfangende, hebben echter alle hoop om in hunne vaderlyke Stadt te komen , en wrake te neemen van die geene , welke hen daar uit hielden , niet weg geworpen ; maar (leunende op den byftant van eenigen, die in de Stadt woonden, tot tweemaal,
te
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
432 U T R E C H T S C II E 1432.
te weteneven voor^ en .een .weinig na Paafchen,
getracht de Stadt te vermeefteren ; doch hunnen aanflag mislukt zynde, is eenen Huge facbt, die met hen aangefpannen hadde , als een verrader met den,rade gerecht. , . . <Pir^
Op den xxin. May vinde ik in 't Stadts Raadtsboek
aangetekent: Overdragen by den Rade out enés tiywe eendracbteliken *, overmits groten laflen , die tot menigen tyden van der Vkyl'ckou'wers v er gade- finge der Stat, ende den goeden mannen in onfer Stat
fejcbiet, ende gevallen /y», datzy onfer Stat vleys-
ttys nederleggen ende grontliken nu ende rechtevoirt of breken feilen, ende dat vleyshuys nimmermeer al- daer weder te laten maken, ofte tymmeren 'm eni~ ger ivys, ende die vleyfcbouwers feilen boer vleyfch vercopen in horen buj'en , totter tyt toe, dat men hem by den Rade out ende nywe andere fteden wi- fen feil, dairfy boer vleyfch vercopen feilen , ende en geen vlei/cbouwer en fel bier omme Jyn vleyfch flaen laten. En den volgenden dag heeft de Raadt by klokluidinge laten aankondigen; dat zy het vleyshuis , te wete« deszelfs opftal , verko- pen zoude. Ik befluite hier uit, dat het gild der Vleyfchouwers , (welke wy hier boven by de in- komft van Biiïchop Sweder zeer ieverig gezien heb- ben in het uitvoeren van des gemelden Biflchops beveelen, zoo in het vennoorden vandenBurger- meefter Berent Proeys, en in het plegen van rne- nigerlei geweldenaryen, als in het tegenftaan van Jan vanReneffe van Reinouiaen^) met deze ballin- gen aangefpannen en hun voornemen zullen ge- tracht hebben te bevorderen. En dewyl dit vleys- chuis dicht by het Raadthuis, daar nu de Stadts kel- der is, gelegen was, heeft de Raadt wyflelyk be- grepen , dat de nabyheit van zulk een huys, waar
in
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
. _
|
||||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
1432' JAARBOEKEN. 433
in dagelyks de begunftigers hunner vyandenby een
kwamen, voor hen zeer gevaarlyk was. Weshalven de Raadt in het begin van het volgende jaar donder- dag na dertiende dag befloten heeft twee nieuwe vleyshuifen te timmeren, een boven en een bene- den in de Stadt, en te vernietigen het Vleyshou- wers gild, en in des zelfs plaats te (tellen het Brou- wers gild. Hierom zullen wy in het volgende jaar geene Oudermannen van hetVleyfchouwers gild on- der de Leedendes gemeenenRaadtsgemeld,maar in hunne plaats die der Brouwers gilde geftelt zien. Dit laatftgemelde Raadsbefluït is niet geboekt in het dagelyks Raadsboek, maar ik heb het gevon- den in het boek der Rofen.
In dit jaar vinde ik, dat Herman van Locborft,
Domdeken, door het Capittel gevonnift, ja zelfs gevangen gehouden is: en dewyl veele in deze Stadt hem beminden, was de Raadt billyk bekom- mert , dat zommigen hem met geweld zouden trachten te verloffen, waar door nieuwe opfchud- dinge , en eene gevaarlyke opftant in de Stadt te verwachten was. Waarom de Raadt, om zulks voor te komen, in die Petri ad vincula dit befluit genomen heeft:
Want her Herman van Locborft Doemdeken,
overmits jinen groten brueken mit rechte der Doem' kerke gecorrigiert, ende in bueden der zefoer ker- ken bi zinen beren geleyt is, daer by noch leyt, is den Rade angecomen mit konde , die fy voir -wair houden, dat Jommige lude, geeftelike ende weer like, bier tegens fprake , vervolcb ende oick gedreycb om doenfouden, om dairom weder onrufte in onfer Stad te maken. Omme dan dat te verbueden , ende dat hem des nyemant en onderwynde^geeftelick off-weer- lick, die Doemkerke in boren rechten , off ons, en-
Ec it
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||||
|
|
434 UTRECHTSCHE 1432.
ie on/è Stad in horen vrede te houden, ende alle on-
vrede te fcbutten, fyn die Rade out ende nyiue een- drachtelic overdragen, wair enich man borger, off onderfaet) die hier van enige /prake, vervolcb, off verzueke, om den Domdeken voirfcreven te verlich- ten, off'fyn /ent ent ie te veranderen, o/dat dair toe dienen mocht, ende die Raet dat ter eniger tyt ter voaerheit vonde, dien fel men elc vyfjair de Stad verbieden, ende een myle van der Stad , fonder ye- ntant dair ynne te verfcbonen. Ende yemant van èuten, die dair omme jprake s vervolch of verfueck dede , om den Doemdeken te verlichten , wttebren- gen, off fyn Jent ent ie te veranderen ,ojf dat dair off dienen mocht, ende die Raet dat ther inaerheit von- de, die van buien en feil hier geen geleyde hebben , noch in onfer Stad comen.
Waar in zyne misdaat beftaan heeft is onzeker.
De zeer geleerde Heer Drakenborch Aanh. op de Kerkel.Oudh. bladz.ós. fchryft, datBuchel in zy- ne gefchrevene lyft der Domdekenen aangetekent heeft, dat op de Kerkvergadering van Bafel in het jaar 1431. Hendrik Seatter tot Domdeken be- noemt is. Mifïchien zal Herman van Locborft zich niet hebben willen fchikken naar het befluit der Kerkvaderen , en de Canoniken hem willen verplichten daar aan te gehoorzamen, en daar over verfchil geweeft zyn. Doch dit is maar eene gifling. Hy moet naderhant wederom met zyne Canoniken bevredicht zyn , om dat hy Deken ge- bleven , en hem na zyn overlyden in hetjaar 1438- Johan Proeys als Deken opgevolgt is.
Paus Martinus de vyfde (i) in het vorige jaar
' ovpr-
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
(i) Die begeerte heeft om dezes Paus leven en daden te
Weten , kan naleèzen de Schry?ers aangeha»lt by Strufius |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
torn.
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
||||
|
|
J A A R B O E K E N. ,435
overleden , wierd opgevolgt door Eugenius den
vierden, welke Joban Biflchop van Makon (i) af- gezonden heeft, om, was hecmogelyk, defeheu- ringe in de Utrechtfche kerk te heelen. Deze te Vianen zich onthoudende , heeft aldaar de zaken onderzocht, en uitfpraak gedaan ten voordeele van den 'Poftulaat. De afgezondenen van den Raadt dezer Stadt t'huis gekomen zynde, heef; de Raadt opentlyk ter klokken laten afkondigen die navolgende:
Want onfe hilige Fader de Paeus, om vrede en-
de eendracht der kerken ende lande van Utrecht te maken, ende die deilinge neder f e leggen , oick om- me te bekennen de herten der menjcben, geeftelike ende weerlike , der kerken ende alle hoern landen, daer die kerke in den beften in den koer eens Bif- fcops mede te vreden comen mach, wtge/ent beeft den eertaeerdigen vader in Gode, Heren JobanBtf- fcop van Makon , [onderlinge bode van den Paeus ende ftoele van Romen ge/ent, die na wtwifinge der bullen van Roemjfcber brieve hem bevolen, voirtge- varen heeft, ende onderfueck in alle der kerken /#«- den gedaen , binnen fteden ende der buten , ende heeft eendrachtig gevonden alle herten, omme by on- f en genedigen Heer den Poftulaet te bliven: heeft die Biffcop van Makon voirfcreve tot Vyanen ver- dagbet alle Paepfcap van binnen ende van buten vaefende , om den vrede voirjcreve tuffcfyen hem f e
maken
torn. i. Rerum Germanic.Scriptor, p,084,. Groote loftuitin»
gen geeft hemTheodorus deNiem in zyneChronyk uitgege- ven door Eccard torn. i. Corpor. Hiftor. medii aevi p. if jj», (i) Eigentlyk Mafcon ofMtttifconaizya eene Biffcboppe» Jyke Stadt in het zuid oofterdeel van het Hertogdom gundie gelegen. Petit Chron. de Holl, UT. iu. p noemt hem Biflchop v»n Sefanfon. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
43* U T R E C H T S C H E 143».
maken naftnen bevele,ende beeft die geeflelikenHe-
ren , by rade ende confente ons Heeren des Poftu- laets vrenden, ende by den Overften ouden ende ny- wen daer gef'ent, vereenicht van binnen ende van buten , ende fommige die nutfte -wegen van vreden om bitten te bliven gewyft; /b dat fy alle te vreden /y», ende hy daer om mit hem inbrengen j al alle die gey- ftelike Heren voirfcreven, die ge/et fyn in tecomen, ende dat fy elx op ten boren j ende in borenpro- venden vriliken ende rufteliken comen (ellen ongelet ende onverbindert: bier omme laet die Raet dit enen ygeliken weten, ende verbiet enen ygeliken dau.nye- mant en genen geyftliken per Jonen , geolrdt off on- geoirt, die nu van buten binnen comen feilen , en my spreke ende mysdoe , noch ar eb an en.kere , an live of an goede, in enigerwys, mit woirden of mit werken; mer enen ygelic vredelic by den finen, en- de dair ynne, beruften ende bliven laet. Ende wair yemant, die bier tegens dede mit woirden of mit -werken, dat inoude die Raet alfo fcberpelike an hem rechten, dat alle ander dair jpïegell ende exempell an ften ende nemen [ellen mogen. JVant onfe Raet latj'prake ende vrede by den Bijfcop van Makon ge- maekt alfo gehouden willen hebben.
Dus de banvonniflen gelicht zynde , kwamen
veele Geeftelyken, die uic de Scadt geweeken wa- ren , wederom binnen, en in de bezittinge derin- komften tot hunnen dienfl: gefchikt.
Biffchop Sweder, zich van alle hulpe ontbloot,
en van veelen, die hem te voren aanhingen, ver- laten ziende , is getrokken naar de kerkvergade- ringe , die te dier tydt te Bazel gehouden wierd, Dm daar zyn beklag te doen over de voorgemelde uitfpraak van des Paus afgezant; doch met geene andere uitwerkinge,dan dat hy na veelc moeytete
ver-
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||||||
|
|
1433- JAARBOEKEN. +37
vergeefs te hebben aangewend, tot Biflchop van
Ceiarea benoemt, en vol van fpyt en hartzeer al- daar geftorven (i) en begraven is.
1 4 3 3-
De Regeering is in het jaar 1433. beitelt op de-
ze wyze:
Schepenen.
.
Godert de Coninc.
Jacop de Voecht.
Willem van Gent.
Willem van Winfen.
Pelgrim de Wael, Borgermeyfter,
Henric de Wit.
Adriaen van Lantscroen.
Reynier van Tetwyc.
Jonge Vrederic van Drakenborch.
Goedfcalc van Winfen.
Jan van Amerongen.
Jan van der Meer Jans zoen.
Raden.
. ' '
Peter over die Vecht.
Her-
|
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
(i) Zommige Scnryvers ftellen zyn overlyden in dit jaar,
anderen in het jaar 14.}?. en anderen in het jaer 14. H* voor- gevallen te zyn. Ziet Drakenborch Aenhangz. pp de Kerkc« lyke Oudheden bladz. 30. Veldenaar zegt , dat hy aan het buykeuvel geftorven is, en brengt zyn overlyden op het jaar 14.54. 't welk my het geloofwaerdigft voorkomt. Immer» kan het niet geweeft zyn tufïchen den xx. en xxi. September 145 j. dewyl de bulle van Paus Eugenius , waar van ik op het volgende jaar gewag maken zal , gedagtekent is in Oftobct
r
|
|
|||||||
|
|
|
|
Ee 3
|
||||||
|
|
|
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
U T R E C H T S C H* B 1433-
Merman Gfavtere.
Êfmbrecht over Ryn. 3
Jfacop Martens zoen.
Hjnric van Loenrefloet.
Jacop van Amerongen»
Johan Proys van Lichrenberch, Borgermeyfter.
Jari Rwflche Peters zoen.
Tydeman Nypyfer.
RoelofF van Elsweert.
Henric van Scalcwyc.
Jan Taets
Geryt Foeck.
Jan Mathys zoen.
Johan Aelberts zoen.
Geryt van Vlueten.
Evert Clyaes zoen.
Wouter Stevens zoen.
Gheryt van Hensbeeck.
Evert van Strimoet.
Ghifebrecht die Gruter.
Willem Tielmans zoen. f
Johan van Gruenewoude.
Johan van CJarenborch.
|
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
Oudermannen.
.
|
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
van Zulen Willams zoen. , w ../.,
van Lichtenberch. > Wantfmder*. |
|
|||||||||||
|
|
Steven
Braem
|
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
i _ /~«_ _i___i.
|
||||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
Willem van der Woert.-» *« >
Geryt Beernts zoen. > Molenaers. |
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
An<-
|
||||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
1433- JAARBOEKEN, ,439
|
||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
Ghifebrecht Heer.
|
|
|||||||||
|
|
|
|
|
||||||||
|
erect eer. » Vifchcooers
Jan Ghifebrecht Andries zoens zoen.
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
|
|
|||||||||
|
|
JohanSchoc } Wollewevers.
Hennc Jacop Uircs zoens zoen.J
UmbertvanZulen.} Marsluden.
Jacop de Wael. J
Arnt van Tiel } Botterluden.
Jacop van Wmfen/
Jacop Veen } Cordewaniers.
johan van Hamelenberch.
Oudecoriewanier,
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
Jacop Pciers zoen } Corencopers.
Pouskim Ghifebrechts zoen. J
WillemBloc . } Oudewantfniders.
vVillem van Blidenberch.J
Peter Huberts zoen.} Sreenbkkers<
Willem van Boelre. J ,
Matheus Pot , G aeuwerkers.
Hennc Jan Clyaes zoen.J
GerytdeKeyfer. R.emf dm> :.
Arnt Hoet. ; J
Reyner Arnts zoen. yBylhouwers.
Bernt Grawert.
RoeloffTyraanszoen.}Smeden>
Arnt Utte.
Willem de Hafe. » 7j-in
, , TA/T r s ^adelaars.
L,ainbert Menfen zoen. J
Ee 4 Het
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||||
|
|
44C UTRECHTSCHE 1433.
Het oude vieyshuis afgebroken zynde, is'er een
nieuw opgerecht op St. Jans veld, alwaar hetzel- ve noch ten huidigen dage ftaande is, en heeft de Raadt debankfteden daar in jaarlyks verpacht, ten voordeele van de Stadt.
Ook heeft de Raadt Vrydags na drie Koningen
verkocht de Stadts hoge en lage weide, 't welk veele redenen tot ongenoegen aan het gemeen gegeven heeft, zoo als wy in het vervolg zullen zien.
Oudtydts wierd het borgerfchap dezer Stadt nie:
aanftonts verleend aan die geenen, die het verzoch- ten, maar moeft'er eenjaar na het gedane verzoek verloopen zyn, eer dit voorrecht verkregen wierd, volgens de overdrachte des Raadts van het jaar 1368. op S. Lucien dach , alwaar gezegt word: frantet een oude gewoente is, dat mengheen bor- ger ontfaen en zei, hi en hebbezine borgherfcap een jare te weren verfocht. IVaer enich Borgbermey- fler , ofte Overfïe Ouderman, die daer over zate t dat men yemant borgerfcbap gave , eer ft die Ou- dermanne mitten boec aengebracbt hadden, dattet een jaer geleden ixaer, dat bi borgerfcap verzocht badde, die Borgbermeyfter ende die Overfïe Ouder - wanne, die daer over zaten, zouden tivejaer lang uten Kade welen. De reden hier van fchynt ge- weeft te zyn, om in dezen ruimen tuiïchentydt te konnen verneemen naar het gedrag en levenswyze van die het borgerfchap begeerden: Insgelyx hadt de Raadt op S. Agnieten avontdes jaars 1390. vaft- geftelt, dat niemant het Borgerfchap zoude ver- krygen, ten zyhy het volle gild hadde gewonnen, en dus eene volle gildebroeder alhier was, op dat die geenen ,die met dit voorrecht begunftigt wier- den , nutte borgers zouden zyn, die niet alleen goet voor hunne koftwinninge waren, maar ook |
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
33. JAARBOEKEN. 441
tydeti van noodt,de waken konden waarnemen
te velde trekken tegen deStadts vyanden. Met ele omzichtigheit derhalven wierd ditverleenen n Borgerfchap behandeld , en die 't zelve be- erden , deeden daar toe aanzoek niet by den aadt, maar by de Oudermannen van dat gild, in welk zy zich begeeven hadden , welke Ouder- annen dan in den Raadt bragten de namen der 'enen, die het Borgerfchap verzochten, welke t voorrecht verkreegen hebbende, moeften die-' m in die gilden, in welke zy aangenomen wa- i. Het komt myvoor, dat zedert eenigen t'ydt zoo nauwkeurig niet opgevolgt, en daar in lig verval gekomen is , ook dat de Raadt ge- cht heeft het getal der borgeren te vermeerde- i, terwyl zy ondervonden hadden- in de vorige rlogen met Gelderland en Holland, en in den iftmet BifTchop Sweder, als ook in de gedurige fchuddingen door de ballingen verwekt, hoe Idhaftig en dapper de Utrechtfche gildebroe- ren, zoo in het bewaren en verdedigen der adt tegens alle gefmeedde aanflagen, als in de ttochten te velde, zich gedragen hadden; de- yl de macht des Raadts niet dan door de waak- amheit en trouwheit hunner borgeren konde be- an. Billyk derhalven was de Raadt bedacht om't tal der borgeren te doen aangroeyen, en ordre te ramen, dat ieder in zyn gilde dienen zoude. Waar- n de Raadt des donderdags na Pauli converfio t befluit heeft genomen: Overdroegen die Rade t ende nytue , dat een ygelic Ouderman in finen ilde binnen eenre maent na onfer vrouwen dach rificatio naeftcomende , den Kade van der Stat brengen feilen alle hoer aenworpen , die fy in ho- rt gbilde hebben, om die borgeren is warden. en~
Ee 5 de
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
, U T R E C H T S C H E 1433.
4e enicb Ouderntan, die defe fynaen-werpenden Ra-
de hy brenggen , ende fy borger -warden, die feilen in dien hor en ghilde bliyen. mer enighe Ouder manne, die hier verfumicb ynne worde, ende fyn anworpen den Rade nyet by en bracht e binnen dermaent voir- fcrevS) die aenivorpeh feilen hebben die ghilden, die fy boer Oudermans dan by brenggen f ellen, ende in dien ghilde feilen fy dan borger s warden, ende laft ende dienft ynne doen.
Voert enighe andere manne perfonen , die ynne
onfer Stat ivoenafticb fyn , ende geen borger , of aenisoorpen 'm enighen'ghilde enjyn, die mogen bin- nen vierden dagen naefïcomende voer den Rade co- men, ende ghilden kiefen na der overdrachten , off" daern tendens feilen fy die Oudermans , die fy den Kade by brenggen feilen in horen ghilde borgen, en* de tot boren dienft hebben en behouden.
In der felver forme feit oick wefen van alle ghilt-
bruederen , die en gheen borgen en fyn, die feilen boer Oudermans aenbrenggen ende borger -worden binnen eenre maent na onfer vrouwen dach te licbt- iniffe naefïcomende , of daern tendens feilen fy bor- ger worden , ende ghildebrueder wefen in des gbil- de, die fy van onfen Rade ende Oudermans den Ra- de by brenggen f all. .
Naderhant, te weten 's maandags naPauli con-
verfio 1502. is dit anders begrepen, en verftaan, dat de Oudermannen geene gildebroeders moch- ten aenneemen , ten zy hen kenlyk was by hand- fchrift van den Secretaris , dat zy borgers waren, op het verbeuren vandubbeldborgergelt,enword doorgaans van gemeene luiden het Borgerfchap hedendaags verzocht, om de eene of de andere neeringe of handwerk , tot zekere gildens beho« rende, te mogen oeffenen, konnende nieraant in
een
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1433- JAARBOEKEN. 443
een gilde komen, of hymoeteerfthetBorgerfchap
verkregen hebben,ofeen geboore borger zyn Oud- tydts konden zy wel Gildebroederszyn,fchoondai ze geene borgers waren,doch dan waren zy ontbloot en veffteken van alle de voorrechten aan het Bor- gerfchap verknocht, en mochten onder anderen dan niet mede in hunne gildens te loote gaan ter verkiezinge der Oudermannen, welke medeleeden van den gemeenen Raadt waren, waar toe zy al- leen gerechticht-wierden, na dat zy jaar en dag, dat is een jaar en twee en veertig dagen, borgers geweeft waren , volgens eene oude overdrachte genomen des vrydags na Pouwels dag 1368.
Rudolph van Diepholt, door den Biflchop van
Maken de PaufTelyke beveftiginge verkregen heb- bende, en op het (lot Vollenhoven door de BifTchop- pen van Osnabrug en Minden en twee WyebifTchop- pen ingewyd zynde(i), heeft zich naar Utrecht begeeven , om bezittinge van het Bisdom te nee- men : alwaar hy des Saturdags na Paulus bekee- ringe aangekomen moet zyn, dewyl ik vinde, dat de Raadt daags te voren ter klokken heeft laten af kon- digen , dat den volgenden dag Rudolpb van Diep- holt in de Stadt komen en ingeleit zoude worden volgens de oude rechten ende gewoontens. Doch dewyl de Raadt noch niet vergeeten hadt het'ge- beurde by de inkomft van BifTchop Sweder, door het inbrengen eeniger ballingen ,zoo heeft ze na- drukkelyk verboden, dat niemantderballingen met hem zoude inkomen, en zoo het tegendeel gefchie- de , dat de Raadt dezelve zoude laten vatten, in de gevangenifle leggen en rechten ingevolge hunne
mis-
(i) Hy heeft aanftonts de Biflchoppelyke M/fle verricht ,
volgens ! lerm. Cornerii Chronicon apud Eccardum torn. II. Corp. Hiftor, medii aevi p. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
444 UTRECHTSCHE 1433.
misdaden, uit welkers hoofde zy uit de Stade waren.
Vervolgens heeft BifTchop Kudolph dezen brief,
daags voor zyne inkomft, aan de Stadt overgelevert:
Alle den genen , die defen brief feilen zien
off horen lezen , doen wy Roedolpb van Dlep-
holt, by der genaide Goids Eleft van Utrecht,
ende confirmiert van den ftoel van Romen, te
weten, ende maken cont, dat wy onfen lieven
borgers, ende der Stadt van Utrecht, alle hoer
brieve, diet gemeen nieren /"privilegiën, rech-
ten , vryheden , wilcoren ende koren , die fy
hebben ofte vercregen hebben van Keyferen ,
van Roemfcher Coningen ende van Biflcoppen
,, t'Utrecht, onfen voirvaderen, foo wie fy ge weeft
hebben, ende alle hoer oude haircomen, fy by
onfer voirvader tyden , ende by hoerre ouder
tyden hair gebracht hebben tot defen dage toe,
confirmeren , vafte ende ftade geloven te hou-
den, fonder enich wederwoirde ofte wercken
,, mit goeden truwen. In oirconde des briefs be-
fegelt mit onfen fegell. Gegeven in 't jair ons
heren dufent vier hondert drie ende dertich des
vrydages na finte Pouwels dach converfio.
Schoon niemand der ballingen met den BifTchop
konde inkomen , zoo hebben zy echter niet ftil gezeeten, maar alles in het werk geftelt, dat hen doenlyk was, om in hunne vaderftadt en voorige be- zittingen hérftek te worden: doch de Raadt kennif- fe gekregen hebbende van eenen nieuwen gefmee- den aanflag, heeft Sondag na onfer Vrouwen dag nativitas by klokluidinge den volke daar van ken- nifle gegeven, met uitdrukkelyk gebodtaen alle de borgers en ingezetenen , om hen in gereedheit te houden, van gewapend op het bevel der Overften de ballingen te konuen wederftaan.
Ver-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
'433- JAARBOEKEN. 445
Vervolgens heeft de Raadt te weten des ma-
nendags na Lucie , tegen de ballingen dit befluit genomen : Overdroegen die Rade out ende nywe , dat van defer tyt voert en gheen man, die weder bin- nen on/er Stat comen fait van alle den genen, die "uitgebannen , wtgeluit, off" voervluchticb geweeft. fyn, om on/èr laitften laften wil, merende vanden opftaen, dat gen»ee{l is van BiJJcop Zweder van Cu- lenborch, ende fuiken laften, als ons daer omange- leit fyn geixeefl , fy of hoer kynderen nummermeer in onfer Stat Rade gecoren en feilen worden , noch in den gbilde te loten gaen.
Den zesden Februarius heeft Biiïchop Rudolph
aan die van Amersfoort eenen bezegelden brief ge- geven, waar by hy alle hunne privilegiën,rechten en vryheden,bevefticht,en zich "verbind hen die te zullen laten houden ende genieten, (i)
Voorts vinde ik in het Buurfpraakboek des vry-
dags na Lamberti aangetekent: Een fonnendage naeftcomende feil bier een gemene Capittel we/èn, daer ontboden feilen werden alleRitteren^ knechten ende goede mannen in den lande , ende alle ander Staten , om te horen ende te fïen ons Heren bullen ende brieven van finre provijïen ende confirrnaden tot ten kerken ende den Stichte van Utrecht, des geeft men geleyde allen den genen, die hier ten Ca- pittel comen feilen , ingaende mergen ter fonnen op- ganck, duerende een manendage toe naeftcomende, ende dien dacb al. Waar uit ik befluiten moet, dat die Staatsvergaderinge beleyt is om te zien en te horen lezen debullGVünPMsEugemusdenvier- <sfe«,waar byRudolpbs verkiezinge totBifïchopbe-
vefticht
(i) De brief kan gelezen worden by Matth. Rer. Amersf.
Scriptor, p. 191. en de Nobilit, lib, ui. cap. i. p. 8fO« |
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
446 UT RECHTSCHE 1433,
vefticht word. Ik hebbe geene andere bulle ge-
vonden , dan die , welke de Heer Matthaeus (i) voor den dag gebracht heeft, waar by de Paus goet- keurt al 't geen door zynen afgezant den Biflchop van Makon verricht is. Doch deze is gegeven in het midden van de maand Odlober van dit jaar. Zoo deze dagtekeninge echt is, kan dezelve, als later gegeven, op den voorgenoemden tydt in het alge- meen Capittel niet vertoont zyn geweeft. Dus gifle ik , dat de dagtekeninge verkeert door Mat- thaeus opgegeven is, en vroeger geftelt moet wor- den. Ook is het niet waarfchynelyk, dat degoet- keuringe van den Paus byna een jaar lang achter zoude gebleven zyn, en Rudolpb reets tot Biflchop ingewyt,voor dat van desRoomfchenKerkvoogds toeftetnminge ten volle gebleken was.
De Steenweg tuflchen de Wittevrouwen poort
en het dorp de Bilt vermaakt zynde, is nadrukke- lyk verboden , dien weg te gebruiken met rytui- gen, welkers raderen met yzer beflagen waren, op verbeurte van vyf ponden voor ieder rad, aan den wagen of karre met yzer beflagen.
Biflchop Rudolph en de Raadt der Stadt Utrecht
hebben op S. Gregorius avond eene ordre beraamd ter onderhoudinge en fchouwe van den gemaakten Spakenburger Zeedyk. (2)
Eer ik overga tot het verhaal van 't geen in het
volgende jaar voorgevallen is, moet ik melden , dat de Raadt dezer Stadt des manendags na S.Lu- cas dag (op dat der Regenten nabeftaanden geene meerdere gunft zouden genieten, dan alle andere
ge-
(O Torn. ix. Analeft. p. 393. & feqq.
(i) De brief daar van is te vinden in h«t Utrechts Placcaatb. II. Deel bladz. f o. |
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1434- JAARBOEKEN. 447
gemeene borgeren en onderzaten , en dus zon*
der onderfcheit van perfonen de Raadt vry hun oor- deel zoude konnen vellen) wyflelyk verdaan heeft, dat niemant van den Rade out ofnieiu over ietnants, zake in den Rade fal bliven zitten die de perfonen t dair men of/preken fal, afterfufterkynt, ofnaere- maecbt offivaeeris.
r-\
1 4 3 4-
. .
Tot de Regeering voor het jaar 1434. zyn ver»
Xooren deze navolgende:
.
Schepenen.
*
Dirc van Houdaen.
Aernt van Amerongen.
Johan van Lichtenberch van Lantscroen.
Jan Sloyer.
Jan Trinde.
Jan van Drakenborch.
Roetart van Lantscroen.
Roetart Proeys. (i)
Jan over die Vecht.
Jan die Coninc.
Lubbert die Wael.
Henric van DarnafTche.
r 11;',
Raden.
. . :- ., ,
Herman Wonder.
Dirc van Waell.
Jacop
(i) Deze word in het Raadtsboek desmanendags na Marti-
ni translatie genoemt Schepen Borgcrmeefter. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||||||||
|
|
448 U T R E C H T S C H E 1434.
Jacop Martens zoen van den Bofch.
Pouwels Scrodekyn. Vrederic Vrederics zoen. Jan Grawerc. Vranc Goderts zoen. |
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
Jan Heerkyn.
JanvanTyell.
Geryt die Haen
DirckHazert.
Willam van Snellenberch.
Henric van Luttikenhuys.
Jacop Tymans zoen.
ÏT /-l
Henric van Gent.
Jan van Jutfaes.
Eerft Jans zoen.
Jan Rwfch.
Geryt Mathys zoen.
Peter Willams zoen.
Henric Jacop Dirc zoens zoen.
Henric Block.
Jan van Raephorft.
Dirc de Jonge.
|
|
||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
Oudermannen.
'
-
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
Jan KnyfF. -i Overfte Ouderman,
Henric Knoep/ Snyders. Rutger Claes zoen. -, Backers Huge Lubberts zoen/ L |
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
> ^~
Rey-
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||
|
|
--------------
|
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
1434- JAARBOEKEN. 44?
n t «
Roetairt Proys.
Geryd Jan WefTels zoens zoen/ Louwers<
/"M t A 11
bheryd Alberts zoen.-? «r n
Willam Vaelbler. > W»"e»e«r!-
.
|
|
||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
Alben Bertelraeus zoen. -> c. r-i .
Geryd Willams zoen. > Steenbekers.
Tydeman van Hamerftein.} Graeuwerkers.
Jacob Dircx zoen.
Gysbert Louwerens zoen. > p!Qmrj,
of i r>\, j j Kieralnyders,
Hennck van Ghend.
Willem Arnts zoen. -> Bvlhouwers
Peter Stevens zoen. f, öylnouwers- Geryd van BenfcoP.} Smeden> Jan Bolle.
Willam Jans zoen.-> ZadeiaeFS
Henrick de Hafe, *
>
Veele klachten dagelyks voorvallende over het
fcwaat gedrag en handel der Proviforen en De-
Ff kenen,
|
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
||||
|
|
450 U T R E C H T S C II E H34-
kenen , het gee.ftelyk rechtsgebiet in Holland,
Zeeland en Vriësland oeffenende , heeft Hertog Philips daar vjin kenniiïe gegeven aan Biflchop Hu-1 dolpb, en wel met die uitwerking, dat dèUtrecht- fche Kerkvoogdt eene ordre op dezelve beraamd heeft, welke, indien ze:nier door den Heer Box- horn (i) was uitgegeven, ik hier zoude ingevoegt hebben , wel waerdig om gelezen te. worden , dewyl men daar uit. kan opmaken de knevehu-yen der Geeflelyken van dien tydt, die den gemeenen man met een byna ondraagelyk jok bezwaarden.
Drie plaatzen waren te dezer tydt in deze:Stade
gefchikt ter bewaringe der gevangenen, hetWeyS' buis, delfatbarinepoort en de Rode Tooren, Het Pleysbuis.wzs gelegen op het Oude Kerkhof, n aall het huis geheten den Hardshoorn, zoo als gezegt word in des Raadcsbocken den laetften September. 1545. en den 26. Oftober 1547. waar byeeneftraat de Vuile /?eeg genaamt, om .dat aldaar de woningen derPensluiden waren,gelegen is. Schoon dit Vleys- huis afgebr.oken en verplaaclt was opSt.Jansveld, zoo als ik hier boven op het vorige jaar hebbeaange- tekent, zoo waren evenwel de plaatzen, gefchikt ter opfluitihge der misdadigen, in weezen gebleven. De Kathar'we poort was wel op dezelveplaats, daar zy nu noch is, doch veel ruimer en grooter. De Rode Tooren wa.s gelegen in het wéften van de Stadt,
na
(il Boxhorn Nederl.Hiftor. bkdz. i<5j. ook heeft Wal vis in
de Befchryvinge vsn dsr Goude I. deel bladz. iz8. dezelve to voorfchyn gebracht. Matthaeüs maakt hier ook meldinge »,->n, de Nobilit. p. 304.. et* Kemp Befchr. van Gorrrichem bladz. 144. als mede Hèu/Tcn K.erkeU Oudhed. 1.Deel bladz. tyz welke getuigt, dat dezelve gedrukt is achter de Wetten, Rechten, Privilegiën en Ordomuntien derStadt Amfterdam, hi die Stadt in het licht gegeven in het jaar 1613. Ook ie de. zelr« gebracht in Het Coppa Diplomatique n. torn. p. 479, |
|
||
|
|
||||
|
|
|||
|
1434- JAARBOEKEN. 451
na by her huis der Ridderért van de Düitfehe or-
dre. Nadérharit Zyn 'er meerder p'laatzen gebruikt tot gevangeniflen (i). Die het opzicht over dezelve hadde wierd Steenwaarder genoemt, waar van de Heer Matthaeus (2) deze reden geeft, om dat de huizen oudtydts meeft alle van houc gebouwt waren , uitgenomen de gevangenhui- zen, welke fteene huizen waren. Miflbhien kan deze benaminge zyneri oorfpronk fchuldig zyn, aari de boetens, die meeft met fteen, zoo als wy hier boven bladz. 86. en iaa. gezien hebben, voldaan wierden. Deze Steenwaarder, welke men heden- daags Cippier noemt, moeft by zyne aanftellinge in tegenwoordigheit van Schepenen, Raden en Ou* dermans zich verbinden , volgens het befluit des Raadts, genomen des woensdags na S. Peters dag ad cathedram 1410. op zyn lyf en op zyn goef, der Stat gevangen te verwar en in der Statvangni/e, fb dat fy hem byfynre verfameriiffe niet en ontliepen. De öpgeflotenen op de Katharine poort en den Roó- den Tooren'waren toebetrouwt aan de zorge van de Poortiers. Tuflchen den Steenwaarder en dé Poortiers verfchil omftaan zynde over het Steen- geld, heeft de Raadt in dit jaar dit befluit hierom» trent genomen: [all die Steemvaerder dejorge dra- gen van alle gevangen die men hem beveelt, ende dair feil die Steeniaaerder dat fluytgelt ende dat genot al- ken afhebben, ende die Poirtiers en feilen dair geen bewynt noch genot of hebben.
Mer fo wes lude op fint e Katrine poirt off" op ten
rolden toirn dagelix comen van koren ofvanbrueken* «nde men niet en fluit, dair feilen die pointers dat
(i) Ziet Matth. de Nobilit. iv. cap. jj»
(t) De tfobilitate lib. iv. cap. 34.
Ff a
|
|
||
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
45» U T R E C H T S C H E 1-434.
fleengelt of hebben , ende da'ir voir feilenfy den /«-
den dienen , ende dair en fall die Steenwaerder en geen bevoint of genot off hebben.
Voir t ojfyemant beneden in den roden toirn gejlo'
ten worde , dalr feil die poirtier aldaer dat fïeen- gelt of hebben, ende van dien luden feil die poirtier die forge dragen, ende dat bewynt of hebben.
Item men is fculdlch van allen fleengelden tien
fluvers , ende dalr mach die gevangen achte dagen om In der vangniffe leggen; mer daern tendens is, dat jleengelt een pont, oick boe lange die gevange in der vatigniffe leggen bleue.
Veele onkundigen zich onderwindende de heel-
konft in deeze Scadt te oeffenen, tot groot nadeel der genen, die hunnen dienft gebruikten, heeft de Raadt daar in willen voorzien door een befluit, des Sondags na S.Jacobs dag genomen, welkers woor- den ik al te opmerkelyk gevonden hebbe, om de- zelve over te flaan: JVy Borgermeyfteren, Soepen ende Kade der Stad van Utrecht, anfïende ende voir ogen hebbende , dat onkunftige ende onbefocht& In allen kunften , ende /onderlinge die den leven en- de den gefonden der menfchen rueren ende aengaen^ die dairynne werken, grote verderfnijje in den vol- ke maken^ende maken mogen,om dat te verbueden? hebben ivy overdragen ende gefloten eendrachtdic op ten ambacht der barbleren in onfe Stad, ende die dair ynne dienen, dat van defer tyt voirt en geen meyfter barbier hem latens , tanden iat te trecken , noch cyrurgie onderwynden en fall, hy en fy dair ynne befocht ende geoeffent, ende by den Qudermans van den JVantfnyders ghilde van onjer Stad, die V;y dair bevellnge van doen , eiken In fyner tydy ende by meyfleren van den ampten voirfcreve, die dair toe gezworen wefen feilen, geproeft ende geap-
pro-
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
L ... . ..... : . .
|
||||
|
|
||||
|
|
1*34; JAARBOEKEN.'-? 453
f robeer t, iveerdicb te wefen die kunfi ende dat atfi-
bocht te bantieren. beboudelic dat een yge lick bar- bier , die hor e gbilde gewonnen beeft, af -winnen zei, ivail bair fiber en mach , ende den Inden dair ynne^ dienen. . ...
De beheeringe van den Leckendyk beneden den
nieuwen dam, thans den Leckendyk beneden damt genaamt, in verfcheidene opzichten niet naar be- horen , volgens het voorfchrift der Schouwbrief door BifTchop Jan van Dieft in den jare 1328. ge- geven , waargenomen wordende, heeft BifTchop- Kudolpb van Diepbolt in dit jaar op Marie Magda- lene avond der zelver onderhoud nader verklaart en uitgeleit. (i)
Na het overlyden Van Svoeder van Cuylenborcb
te Bazel ,, hebben zommige Canoniken , die hec met Sweder gehouden hadden, en Kudolpb voor hunnen Biflchop niet wilden erkennen , ten geta- le van een en veertig (2) hun Capittel te Dor- drecht houdende , tot opvolger van Sweder ver- koren JValraven van Meurs, die tot broeders'had- de Frederik Grave van Meurs, ZJ/rcKeurvorften Aartsbiflchop van Keulen , en Hendrik Biflchop van Munfter, welke twee laatfte ook Cardinalen waren. Heda en Veldenaar , en de vordere ge- fchiedfchryvers hen navolgende, fchynen te ken- nen te geven , dat deze verkiezinge aanftonts door de Kerkvergaderinge van Bazel , en door Paus Felix den vyfden (3) , die door die Kerk- vaders,
<ï) Ziet het Utrechtt Placc»atboek II. Deel bladz. 107.
(i) De namen dezer Canoniken konnen gelezen worden by
Matthaeus torn ix. Analeét. p.^if- Veldenaar bladz. 70. ge- tuigt maar van x. of xu. Canoniken.
(j) Deze Ftlix was te .voren genoemt Amadeas, Hertog
t«n Savoyen , die zyne linden veertig jiren wyffelyk gere-
' F f 3
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
454 UTRECHT S'CHB H34-
vaders , met afzettinge van Eugenius den vyfden ,
tot Paus was verkoren , wierd goedgekeurt. Doch vermits de aanftellinge van Felix den vyfden in plaatze \a.nEugenius eerft in het jaar 1439. is voor- gevallen , zoo kan de beveftiginge van deze ver- kiezinge wel op dezen tydtvandeKerkvergaderin- ge van Bazel, maar niet door den tegenpaus Felix verricht zyn geweeft.
Schoon
«eert hebbende, en een der rykfte Prinsen vanzynentydtzyn-
de, op zyn «s en vyftigfte jaar weduwenaar, met zes Rid- deren, wier vrouwen overleden waren, zich in de eenzaam- heit hadde begeven , om als een kluizenaar te leven , de re- geeringe aan zynen Zoon overgevende. Gobelinus in Corn- mentariis Pii Secundi lib. i. p. j. fchryft, dat hy in die een- zaamheit niet minder dan een boetvaardig leven leide,en tot dit befluit was gekomen , in hope, van met 'er tydt den Room- fchen ftoel te beklimmen. Dat zyn ernftig voornemen niet ge- weeft is door deze afzonderihge zich te ontdoen van de zor- ge aller wereldfche zaken, en zich alleen maar bezig te hou- den met geeftelyke en godvruchtige oeffeningen , blykt , als 'tvy den zelven fchryver lib. vu. p, 181. nazien, verhalende, dat hy aan zynen zoon in fchyn de regeeringemaar hadde over- gegeven, doch het beftier der gewichtige zaken, en vooral de inkomflen zyner landen , aan zich behouden. Dus was hy al. Jeen maar een Eremiet inzynekledinge :en heeftdeuitkomft dit bevefticht; want PausEugcniit] het oneens met de Kerk - vergaderinge te Bazel geworden zynde , heeft hy door zyne afgezanten uitgewerkt , dat Eugenius door die Kerkvaders afgezet, en hy in deffelfs plaats verkoren, en te Bazel , fchoon 'er maar een Cardinaal tegenwoordig was , ingezegent i». Doch na het overlyden van TLugenius , Nicolaus de vyftte verko- ren zynde, heeft die het Hertogdom van Savoyen en alle zy- ne verdere landen en heerlykheden gegeven aan den Koning tran Vrankryk , by eene bulle, die te lezen is by Dachery in zyn Spicilegium torn. iv. p. 336. edit. in 4. en Felix het niet kennende houden , heeft op 't aanraden van den Keyzer, den Koning van Vrankryk en van den Hertog van Bourgon- dien afftand gedaan in 't jaar 1449. ziet Platina en Meyeri Annalc» Flandriae lib. xvi. en Dacherii Spicileg. d. 1. p. 361,
&
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
1434- JAARBOEKEN. 455
Schoon deze verkiezinge onwettig, niet op de
gewoone plaats, noch door alle,die daar toe ge- rechticht waren, verricht was,en daarom ïValr»- ven ook niet op de lyft der Utrechtfche Kerkvoog- den geplaatil is, zoo heeft evenwel IValraven zynen zetel te Dordrecht en te Arnhem gevellicht, doch meelt zyne verblyfplaats in de eerfte Stadt gehou- den (alwaar hy volgens het getuigeniffe van Gout- hoeven gewoond heeft in het hooge huis,het eerfte aan de (linkerhand , als raen achter het groote choor uit de groote kerk komt) en zyn, geeftel^k gebied in Gelderland, Holland,Zeeland en Vries- land geoeiferit , en :na veele moeyelykheden aan Kudolph en het Sticht te hebben veroorzaakt, niet van zyn gewaand recht afgeftaan, dan tot groot nadeel en fchade van het Gedicht, zoo als wy in bet vervolg zullen verhaalen.
Paus Lugenius heeft deze aanftellinge van Wal-
raven ten eenemaal afgekeurt, en Biflchop Ru- dolpb en de Canoniken , die hem getrouw bleven, gelaft, de afgedwaalde Canoniken, onder toezeg- ginge van vergevinge hunner afdwalinge, totzich te lokken. Vervolgens heeft de Biffchop en de Raadt dezer Stadt hen tot dien einde vry geleyde verleend , en by openbare klokluidinge doen af- kondigen des woensdags na Crifpini dit navolgen- de: Onfe bilige vader de Paeus Eugenhts heefthfer nocb fyn Koemfche brie-ven ende bullen vjtge/ant cun onjèn genedigcn Heer van Utrecht, allen finen Pre- laten , P r oeften, Dekenen ende Capittelen der ker- ken van Utrecht, dalr ynne fyn bilicheden beken- nen , boe by onfen genedigen Heer, Heren Rodolph Bijfchop fUtrecbt mittcr kerken van Utrecht ver- Jien beeft , ende (lat dalrn tegem Hr. Peter van Stejn, die befo Pi-oefl tot Ou4emunflernoemft,Hr.
Ff 4 Gyf-
|
|
||
|
|
||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
UT RECHTSCHE 1434.
Gysbert van Lochorft , Hr. Gysbert van Rietvelt
iben Doem ., Meyfter Henric van 'Compo/telle tot Oudemunfler, ende alk ander horen mede jculdi- ge, in den anderen kerken van Utrecht hem Cano- tiiken noemende, vjfder Got , iveder recht , ende f onder enige moge , tegen horen eden lyflyken bo- ren kerken gefaoren , tegens gehoirfamheiden des ftoels van Romen, ende ons Heren enter kerken van Utrecht voir/creve , mit enen onrechten ende onrec- keliken Mr, ofte eyffcbe, van Walraven van Muer- fe tot Dordrecht (i) gedaen, om hier tot enen Bif- cop van Utrecht te roepen, ge j et hebben , dair om- me fy in des Paeus ban, ende anderen zwaren ban- nen gecomen fyn ; foo wil/ onfe bilige vader die Paeus zy nochtant mit aïre gnaden duechdeliken vervolgen, ende beeft dairomme onfe genedigen Heer Bijjcop Koeloffvan Utrecht voirfcreven, ende finen Prela- ten, P roe ft en, Dekenen ende Capitele geboden ende bevolen , dat fy all* die voirfcreve geyftelike perfo- nen noch over plicht s eyfcben ende manen zeilen, en-
de
(i) Achter de namen der Canoniken, die Walraven van
JMeurs in de plaats van Sixtder -van Cuylenborcb tot Biflch-p hadden aangeftelt, door Matthaeus torn. ix. Analeft. p. ^ifi. uit het Regifterboek van het Capittel van den Dom te voor- Ichyn gebracht, ftaat,dat die Canoniken hunne verblyfplaats hadden te Arnhem, waar uit fchynr te moeten worden afge- nomen, dat deze keur te dier plaatze gefchiet is: doch de- wyl alhier duidelyk gezegt word , dat de benoeminge van Walraven te Dordrecht is voorgevallen, zoo Helle ik vaft , dat die daad in die Stadt verricht is. Wphebben hierboven gezien , dat Sweder te Arnhem , doch meeft te Dordrecht m'ch heeft opgehouden, en heeft Walraven van Mturs dit voorbeelt nagevolgt, en dus zal ook het zoo genaamde Ca- pittel der Canoniken, die zich aan RuJotpb niet wilden on. derwerpen, dan eens te Arnhem , en op eenen anderen tydt te Dordrecht hunn: vergaderinge gehouden hebben, en in de jMtfte Stadt op dezen tydt by een gewecft zyn. |
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
1434- JAARBOEKEN. 457
'4e die tqt hem roepen , des fy nócbelx weder ïn onfer-
Stad ende horenkerkeninbonnprovendencomenbin- nen eertre maant van der tydder openbaringe /ynre bullen voirgeruert, ende van allen gehoir endeboir- fambeden JValravem van Muerfen afflaténendeisue- derroepen, ende hem Roeloff'voirj'creve, als boren rech- ten Biffcop ende Heer, ende boren Prelaten ende Ca- pit telen der kerken van Utrecht ,geliken ander enge- hoir/amen, onderdanich/j»; want on/e hilige vader de Paeus fy alle gader van allen mysdaden ende brueken wirfcreven geabfolveert ende ontbonden beeft Jö ver f e fy affloten , noch gehoirfame lyn , ende te gnaaen Comen als voirfcreven is. Hieromme geven on/è ge- wdlge Heer van Utrecht voir/creve, ende die Raat van der Stat van Utrecht, een goet, vry, v aft ende feker geleyde Heren Peter van Steyn , Proeft tot Oudemunfter, Heren Gysbert van Locborft, Heren Gysbert van Rietvelt, Meyfler Henric van Compo~ ftelle, ende allen geyftelikenper/onen boren medewer- ker en , gebenefyciert binnen onfer Stad van Utrecht\ binnen onfer Stat te comen , te merren , te we/en ende te fcbeyden, om des Paeus geboden te doen, te beuden ende te volbrengen , geliken fyn hiligbeiden gebieden, ende die bullen dat inhouden, mi rechte- voirt ingaende, duerende tot ftnte Andries dage A- poftels tiaeftcomende, ende dier dacb all.
Doch dit middel is niet bequaam geweeft om
hen tot gehoorzaamheit te brengen, dewyl zyhal- fterrig Iralraven vanMeurs bleven aanhangen,en in hunne afdwalinge volhard hebben.
Uit de rekeninge van den eerden Cameraar over
dit jaar vinde ik, dat aan zeltien ballingen, mits ieder eene zekere bepaalde fomme gelds ten be- hoeve van de Stadt betaalde, toegeftaan is, weder- om in de Stadt te komen, en dat het geld, hier
Ff 5 van
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
458 U T R E G H T S C H E 1435-
van gekomen ten voordeeJe van de Statte belopen
heeft te zamen 2263. ponden en vyf ftuivers.
Dirk van Wajfenaar , Protonotaris des (loels
van Romen, Aartsdiaken in den Dom, en Prooft van S. Jan , heeft aan die van Amersfoort uitgele vert een vidimus der brieven van de Hercoeen^/- bert en ÏVMem -aan Beyeren aan Aiyersjoort ver- leend, wegens hunne vryheden en rechten der tol- len, (i) '
Hertog Philips van Bourgondien heeft in dit
jaar Gysbrecht van Nieuvaenerode verleyt met het huis te Amerongen en al zyn toebehoren. (2)
In dit jaar hebben die van Raam, (te dier tydt
een Stadt) hetCapittelvanS.Jan,en<ytf«tw».Dnï- benborcb, een geding gehadt voor den Officiaal des Biflchops over het Boich Vuerze, thans de Vuur ft gejioemt. (3)
. ;:;»i
1435.
t
Tot de Regeering zyn voor het jaar 1435. ver-
koren :
Schepenen.
i
Pelgrum de Waell.
Willam van Winfen. Godertde Coninck, Borgenneifter. Jan Proys van Lichtenberch. jonge Vrederic van Drakenborch.
Adriaen
(i) Ziet Drakenborch Aanhangfel op de Kerkel. Oudhed.
bladz. -i,\fi.
(t) De brief daar »an kan gelezen worden by Matthaeui
de Jure Gladii cap. xm.
(3) Ziet Matth. de Nobilit. in. cap. i. p. 827
: |
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
JAARBOEKEN.
Adriaen van Landscroen.
Reynier van Tetwyck. Goedfcalc van Winfen. Jan van Hamerftein. Voern van Kersberch. Jan van Clarenborch. Tyman Nypyfer.
Raden,
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
,
Peter over de Vecht.
Gheryd Knyff.
Ermbrecht Over Ryn.
Loeff Hafert.
Henric van Loenrefloet.
Jacob van Amerongen.
Jan van Amerongen.
Lambert van Zulen.
Jacob van Winfen.
Roeloff uten Elsweert.
Jan van Hamelenberch.
Jan Taets.
Geryd Foeck.
Jan Mathys zoen. j
Geryd de Keyfer.
Godert Egberts zoen.
Bernt Grawert.
Roeloff Tydemans zoen.
Gysbert de Gruter.
Jacob Proys, Borgermeifter.
Jan Rwfch Peters zoen.
Peter Hubert Daniels zoen.
Willam van Blidenborch.
Willam de Verwer.
; Ouder*
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
46o U T R E C H T $ C H E 1435.
.
Oudermannen.
1.1
Sreven van Zulen, Willams zoen.} Wantfnyder£.
Braem van Lichcenberch.
Arnt Guneer. » « .
Otte van Ryningen/ Snyders'
Jacob Scrodekyn. > BackerSt
Jan de Wael Ciaes zoen.-*
Willam van der Woerdt.-j. Moieners
Geryd Pyll.
Claes jan Pouwelinx zoen.-» T
T7 .J. T t Lynnewevers.
Henrick Jans zoen. J
Henrick Jans zoen.', Rrniiwprs
JanvanCleve. > Bro!iwerh' r/ amwH
Peter Calle. -, VsWtrtni.rc
GysbertLichtenap.J'
Herman Claes Brant zoen.-» T ^
Enèbert Aernts zoen.
Henrick Jacob Dircx zoens zoen.} Wolleweverï>
Johan Schot.
Henrick de Witte. -, Mrcll,j,
, ,, > ivJarsluaen.
Jan Heerman.
Jta van der Meer. -, Bnrt-rlllj.n
Aernt van Tiell. > Botterluden.
Henrick van Scalcwyck.} Cordewaniers.
Jacob Veen.
Henrick Buddinck Geryts zoen. -i Oudecordewi-
Jan van Ewick. niers.
Gysbert van Raephorft,-. nnr
Tyman Dcdell. } Corencopers.
Eveft van Strymoet. -> n , .^j^
Willam BlocL > Oudewantfnyders.
Willam van Bolre de Jonge.-, c_ ,. « 1-iW
Willam Bolleken. > Steenbickers.
Symen
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||
|
|
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
H35- JAAR BOE K E N. 46»
Symon van Teylingen. T ^
Adriaen Sloyer. ' Graeuwerkers.
"ajranGend-}Ryernfnyders.
mnt.Hoet. J 3 -14
Evert Claes zoen. i r> 11
Rutger Egbrechts zoen > ^°<*s' Arnt Oge. X ompj
Johan van Benfcoep. | ar
Willam die Hafe. -, » j- i
LambrechtMeynfenzoen/
Alle Borgers, die de volle voorrechten van het
borgerfchap genieten wilden, moeiten binnen de Stade woonen , en niet buiten des zelfs muuren, fchoon indeStadtsvryheit, hun verblyf hebben : niet alleen om des nachts hunne waken waar te neemen ; maar voor al op dat de Regeerders t'al- ler tydt op het eerfte bevel, by gelegenheit van. brand, oproer of aanval dpr vyanden, zich van hunne hulpe en byftand konden .bedienen., Een zonderling voorecht hier omtrent hadden de Molenaars, wier molens buiten de Stadt (tonden. De reden hier van zal de Lezer konnen opmaken , als ik het Raadsbefluit op S. Paulus avont conver- fio genomen , waar by 't zelve oude recht nader verklaart en bevelticht word, hierinvoegc: Want van ontelliken verleden jare ende tyden on/ér voirva- deren, Rade out ende nyive on/èr Stadt , voir nut' fcap ende gemene noit orbaer, alfo men dat binnen on/èr Stad niet doen en macb^ noch nutte gedaen en is , belieft, gegonfl, ende geconf'entiert hebben , dair fy fnacbts als fdages den gemene volke mede dienen moeten, ende dair omme by horen moeien ws- fen , botr ampte doen , ende dair op woenen, ende Mr borgerfcap dair op gehadt, gewonnen ende be-
wairt
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
404 Ü T R E C H T S C H Ê 143$.
tuairt hebben. Ende taant ivy den onfen voirfcre-
ven alle tyd fculdig fyn, ende mogelike boir vfybei- den ende goeder rechten te langen, die tay bent bu- ten hinder ende vercortinge eniger andere gilden , doen ende geven mogen, geliken ixty óók allen ande- ren ghilden Jculdicb fyn ie doen: bieromme, ende om die voirfcreve vrybeiden te verclaren, ende tot goede verjïaen te brengen, fo fyn die Rade out ende rtye tefer tyt iwefende,eendrachteüc overdragen, dat alle Molenare voirfcreven by horen molenen,- nacht als dach, buten muren, mer binnen onfer Stadfory- heiden, wefen mogen, ende dair op laoenen feilen, ende hoir ampt dair op doen, ah voirfcreven is,en- de dair op borgerfcappen wynnen , die geen hor ge- ren en fyn , ende hoir borgerfcappen dair bewaren ende befcutten , off'fy in onfer Stadt binnenmueren «voenafiicb ware», durende alfo lange , als fy dat ampte felver doen zeilen, [onder ar gelift. Mer tot airs tyt als/y dat ambocbt laten, ende felver niet en doen , fo /'uilen fy binnen jairs ende zefs weken we- der binnen onfer Stad mueren comen mit hore ftedi- ger ivoeninge (i), offyfyn hore borgerfcap qwyt, ende die en zetten hem dan voirt geen ftade doen ;mer aaair enicb Moelnair , die tefer tyd , of hier na- maels borger wair, ende binnen onfer Stadtaoenaf- tichwalr, die en zeil niet-buten onfer Stad op fyn moeien "Woenen , ende dair zyn borgerfcap mede be- ivat'en , by en feil t enden jair s na fynre "wtvaert yerfte borger fcap 'aoynnen, geliken die buten woenen gedaen hebben. Ende hebben hem hier op gegeven, ende gegonft , geven ende gunnen alle privilegiën ,
vrybei-
(i) Sttdiger taoeningt. Dat is vatte , blyvende woninge,
ziet ten Kate Aanleiding tot de kenniffo van het verheven* deel der Ntdcrduitfche Spr«ke l.deel blads. tjf.
:
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
l
|
|||||||
|
|
||||||||
|
|
,
L .- i
---------- - - »^___ . ----__jÉÉ*am^«jfei
|
|
|
|||||
|
|
|
|||||||
|
|
||||||||
|
|
||||||
|
|
1435- JAARBOEKEN. 463
vrybeiden ende goede rechten, geliken anderen onfen
borgeren binnen onfér Stad laoenafticb, die wybem geven ende gunnen mogen, behoudeliken, dat fy f$ lange fy buten mueren woenen in onfer Stad Rade f»et gecoren en (ellen werden: ende mede behoudeti* ken der Stad hor e -waken in dien gbilde van die»' borgeren, geliken hoir borgeren voirfcreven alle we- gen gedaen hebban.
De Raadt dezer Stadt bemerkende, dat de fcheu»
ringe door het afïïerven van Sweder van Cuylen- borcb niet geheeld was r en beducht zynde, dat de keur van Walraven van Meurs nieuwe onruft en verdeeltheit in hunne Stadt zoude verwek- ken , en nadeel toebrengen aan die geene, welke ge- durende de vorige tweedracht met Prebenden of andere geeftelyke waardigheden voorzien waren, heeft om die kwade gevolgen voor te komen, op alre heiligen avond dit navolgende befluit geno- men, en aan een iegelyk doen bekent maken: Die Kade van anjer Stadt oude ende nytue fyn eendracb- t'eliken overdragen , ende laten weten enen ygeliken ende verbieden:
Al[o overmits den groeten onrechte, ongenade
ende recbtweigerin^e onfen genedigen Heer van Utrecht, der Kerken, ende boren Staten gedaen by lyden Paeus Mertens, dair fy off'appellieren ende beroepen hebben tot te bUigen Stoell van Romen, en- de op horen appellatie waren bliven flaen , na ivt- ïvifinge der inftrumenten en brieven dair of gemaeÏÏ, bodden die Staten voir/creven hoir borfambeit ende onderdanicbeit Paeus Merten mogelic ontogen in din- gen , die ons tot onvreden ende tot onruften leiden ende brochten. So ift , dat die eerweer de Kerken van Utrecht., elc in boren kerken, hoirprovende ende andere, benefiden na ouden boren recbten end»
geween-
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||||
|
|
U T R E C H T S C H E 143$.
-tot boren giften, borende , bytydendefer
onrüfte , fêher gegeven hebben eerwaerde geefteli- ken tpcffpnen , olden ende jongen, dairdefe kerken mede gefïarket ende ge fier t fytt; fyn defe j aken tot oren ende gehoir ons bilichflen Paden Paeus Euge- ':nius gecomen, ende onj'e hilichfte rader heeft dair- omme wigefent in defen lande den eeriaerdigen Vader in Goede \ den Bijfcop vanMakon, die waerbeit hier off te vervaren , ende ons Here van Utrecht ende de-r kerken ende Staten voirfcreven fakenvaaer ende gerecht gevonden heeft. Ende die Biffcop voir- fcrevg beeft hier om-vatfonderlingevolcomenremacbtf ende bevele ons hilicbftefaders Paeus Eugeniusvoir' Jcreve alle onrechten ende ongenaden ons gedaen^ alle Paeus Menens bullen, ende proceffen ende brie- ven thegens ons wtgefent, al/e onrechte, tvederroe- pen ende te niete gedaen , 'ende enen ygeliken dair aff" gevryet, o/ fy nyet geweefï en hadden, dat onjs bilicbjle Vader Paeus Eugenius dair confir- meert ende geveftigt he-vet mit Jtnre volcomenre hi- licbeden moge. Ende want wy mogeliken beducht voir enige nywe dwalinge in der kerken van Utrechtt ende voir meer bloufiftortinge, man/lachte, oirlogen, ende alle quaet, dat der kerken, hore Staten, ende ons ende- andere ft eden, landen ende luden des Ge- 'ftichts -van- Utrecht dair van comen mochten, end f om ummer dat te verbueden, foe verbieden die Raet out ende nywe voirfcreven, dat nyemant, byfygee- ftelic of-vaeer lic, op enigen geefteliken levenden per jonen, die j air ende dach in fynre provende , off in andere benefieten gefeten heeft, of anders alhier by der kerken ende by ons in der kerken, ende onfen laflen gebleven fyn , enige kullen , procejfen, off oude Meve'tt en t boen, en lefe off en exequter, off" k jen , t honen of exequiren en doe, ende dat dair |
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|||||
|
|
143$. JAARBOEKEN, 465
nyemant by en gae, noch by en ftae > dat te ft er ken
off te tuegen, mit fcriften, of mit woirden, of an- ders 'm eniger vays. Ende wair enicb geeftelicper- /óe», die hier tegen dede, off doen dede, off' dair by wair , dair dit gejchiede, arcb an gekeert worde, mifchiet ofmisdaen worde an live*, an gefonde, of anders hoe dattet toecomen mocbte, daer in woude die Roet oude ende nywe voirfcreve an yemande, die dit gedaen badde, en geen tuvinge, vangnife, off" recht, of beteringe dair omme laten gefcbien. Ende wair enicb iveerlie perfoen, onfe borger off" onderfaet, off" vremde, die dit dede, die dair by -ware, by ginge, ofby ftonde, dat te flerken ofte tuegen, mit jcriften of mit woirden, off" anders in eniger wys, dat woude die Rade rechten fonder ver- dr ach mitten zweerde an horen liven, gelike alt an den gene , by fy geeftlic ofvueeriïc, die des Paeus vrede , om 'fo hoectiken gegeven, ende anders ons gemeens lants ru/le ende vrede wedercracbtigen en- de breken woude.
Voirt moert dat yemant van geefïeliken perfonen
voirfcreven, die de brieven lefen,doen lefen oftboe- nen in enigber wys, ende enige leke lude voirfcre' ven, die dair by -waren om dat te ft ar ken ojftetue- gen i mit woirden of mit fcbriften, of anders in eniger -wy s ^ ende fy ontqwamen wt on/er Stadt,of enicb van bem * die en f all nummermeer binnen der Stadt van Utrecht, of binnen on]er Stadt vrybeit comen op boir lyf, by, ofte fy, en hadden dat al weder roepen ende af gedaen ^ende den genen gevryet, dair die lefinge ofte tbonïnge op gefcbiet wair, ende onfer Stadt gebeten badde of hadden, ende allen anderen, dien gebrueïït wair tot hor e beftbeidenkeit.
Ende desgelycx feit vuefen van allen den genen,
die defe f rovende cfbeneficien annamen ,ofie crigen
G g **
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
\
|
||||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
466 ÜTRECHTSCHE 1436.
>mit permutatie», mit refïgnatien, off ander & in eni'
ger ivys , ende allen laken luden, die dair by waren, die feilen allen txej'en ende [Iaën tot allen laftenvoir* fcreven.
Bifïchop Rudolph en de Raedt der Stad Utrecht
hebben in denjare 1433. eeneordre beraamd op de ónderhoudinge van den Spakenborchfchen Dyck. In ditjaar hebben zich de vyf Godshuizen daar byge- voegt,beveftigende den vorigen Schouwbrief. (i)
Ik vinde niet, dat in dit jaar vorder iets merk-
waardigs voorgevallen is, waarom ik overga toe den jare
1436.
In 't welk de Regenten zyn geweeft.
'
Schepenen.
Dirc van Houdaen, Borgermeefter.
Aernt van Amerongen.
Jonge Jan van Lichtenberch.
Henrick Vrenck.
Jan Sloyer.
Roetart van Landscroen.
Jan Trinde.
Jan die Wael.
Eerft van Herdenbroec.
Ghifebrecht van Vlueten.
Reynier Uten Ham.
Herman van Lewenberch.
Ra-
.
(i) De Brief ftaar in't Utrechts Placcaatb.II.Dcelbkdz.ro.
'
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1430. JAARBOEKEN. 46?
Raden.
{m Zittert. .
ahan Knyff. ouwels Scrodekyri. Dirc Willem Henrix zóens zoen. Jan Jaeobs zoen. Jan van Raephorft. Vranck Goderts zoen. Lodewich de Wael, Borgermeeftef. Henric van Malfem. Geryt de Haen. Peter van Abcoude. Weflel Zuermont. Willam Jacops zoen. Jacob Tidemans zoen. Henric van Gent. Peter Stevens zoen. Éerft Jans zoen. Bertelmeüs van Nyenvelt.- Aelbert van den Damme. Henric Bloc. Willem Holl. Peter Hubrechts zoen. Huge Goyer.' Willem van Weelde.
OudeTfflannen'.
Johan over die Vecht.
Bertelmeüs Zoudenbaleh. Claes van Gruenenberch. Claes Sys.
Henric Hafert. T. gackers
Hilbrant Dircx zoen. * mcKers-
Gg 2 Ge.
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
468 U T R E C H T S C H E 1436-
Gerydt Bernts zoen. } Moleners.
Geryd van Mairfen. s |
|
||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
Jan Dedel } Brouwers.
Vredenc Vredencx zoen. J
Ghifebrecht Claes zoen. > Vifrhcooers
Meyfter Jan Gysberts zoen. * Viicncopei
Roetart Proys. T T
Pouwel Gysberts zoen. f Louwers
Wouter Stevens zoen. } Wollewevers.
Wouter Schot.
Jan de Coninc. -, Mrsluden
Geryd van Zulen. * Marsluden-
Jan van Tyell } Botterlüden.
Gehs van Gehnchoven. J
Claes Louwe. } Cordewaniers.
Jan reters zoen. J
|
|
||||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
Geryd Schout. -,
|
|
Oudecordewaniets.
|
|
||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||||||
|
Gysbert Jans zoen.
|
|
|||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
Jan Graert. -j. Coreücopefs.
Gerydt van Luttikennuys. J
Aelbert Bertelmeus zoen. -, c^eenbickers
f i i 1 1 r- 1 1 ( O tC v il UI v tv t i o»
Gerydt Willems zoen.
Reyner Modde } Oudewantfniders.
]onge Tyman Dedel. s
I lenric Jan Clyaes zoen. Graeuwerkers. Jacob Dircx zoen-
Gysbert Louwerens zoen. -, r>-A,-^
,rj , ,,r > KiemJniders.
Yorden Wouters zoen. J
Willam Arnts zoen. -> R ,,
RoeloffvanZyll. > Bylhouwers.
Peter Rwflche.
Arnt Oge.
i - - .
Hen-
|
|
||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
'
|
|||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
||||
|
|
1436. J A A R B O E K E N. 469
Henricde Hafe. 1-711
Willam Jans zoen. > Zadelaars'
De Markt plaats, waar op tot dezen tydt toe de
Boter, Melk en Eyeren, te koop wierden aange- boden , was in de Maflegafle tot by het Vrouwen huysken, een weinig daar van daan ftaande;doch deze plaats te nauw en te klein zynde tot dat ge- bruik , heeft de Raadt dezer Stadt des Vrydags op S. Scolafticus dag laten afkondigen , dat in het vervolg niet meer aldaar, maar langs de Steen- weg , tot Sinte Katrine waerts aan, de markt van de bovengemelde waaren zoude gehouden wor- den.
In het begin van dit jaar is de Stadt Utrecht,
fchoon alomme bevredicht, en met niemand oorlog voerende of twift hebbende, dan alleen met Wal- raven van Meurs en zyne aanhangeren, in groot gevaar geweeft van overvallen te worden. Deze aanflag was gefmeet door Jan van Arkel^ Heer van Heukelom , de eenigfte overgebleve manlyk oir van het oudt en aanzienlyk gedacht der Arkels. Ik vinde niet, dat eenig ongdyk door de Utrech- tenaars hem aangedaan is, waar door hy wettige redenen gehadt heeft,om tot dit befluit te komen. Waarom ik met den Heer Kemp (i) vaft ftelle, dat de begeerte om wraak te oeffenen,over.'t geen voortyts door de Utrechtenaars tegens het huis van Arkel, (waar van wy hier boven verhaal hebben
g:daan) begaan was, hem hier toe heef t aangezet.
eze eenig volk by een vergadert hebbende, heeft voor af eenige gewapende mannen Stadtwaarts aan gezonden, zelfs hen met zyn heir op de hie-
Gg 3 Icn
(i) Befchryr. van Gorinchem bladz. ïf*.
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
4?o UTRECHTSCHE 1436.
len volgende,naar alle waarfchynlykheit om door
die een der poorten te doen overvallen en ver- meefteren , en om dan .de Sta.dt niet zyn volk te lichter te overrompelen. Doch deze aanflag is mislukt, dewyl de eerftkomende gevangen zynger worden, en hy dus genootzaakt te rug te trekken. Dewyl nu dit vyandlyk voornemen gefmeet, en by na ter uitvoer gebracht was, zonderaanzeggin- ge van oorlog, zoo heeft de Raadt zeventien dier gevangenen ter dood veroordeelt, te weten, Jan, Dirk, Wouter en Steven van Groot enveld, Roever van Bolk, Jan Roever van Bolk, dlardvanWefe, Celis Dirks zoon van Meerten , Wouter Jan Rei- ner s zoon, Joban Gysberts zoon, Johan Dirks zoon, Covert die Buyn, Of f o Gerrits zoon van Ölft, Rem- kyn die Weert, Willem van Hamme, Gerit Krauwel, en Gerit Stevens zoon; en zyn vier andere gevan-
fenen losgelaten. De eerftgemelde zyn alle den xix.
'ebruary onthooft, en heeft de Raadt, om deze buitengewoone gerechts-oeffeninge by te wonen, door eene Stadts bode aan Jonkheer van Brederode, Dirk van der Merwe, en Heer .5^» van Langer ak en zynen broeder verzocht in de Stade te komen, en de Steden Amer'sfoor't, Deventer ^Campene^Zwoll daar van kennifle gegeven. Alle deze gevangenen hebben op Hafenberg gezeten , en zyn eenige mannen gefchikt,om toe te zien, dat zy des nachts niet ontkwamen, welke wakers ieder nacht gekre- gen hebben aan bier een braspenning, zoo als my gebleken is uit des eerllens Cameraars rekeninge, uit welke ik ook gezien hebbe,dattedezertydtdè Stadt een Zegel heeft laten maken, wegende vier }oot zilvers,om hunne brieven daar mede te zegelen. Twee Vleyshuizen waren 'er al te dezer tydtin de$tadt, een in de Njeuwftraat, ep een op S.
Jan?
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
1436. JAARBOEKEN. 471
JansVelt, alwaar het laatfte onlangs verplaatft ,en
gebouwt was, zoo als wy hier voor hebben gezien. Welke twee noch in wezen, en tot het verkopen van vleefch gefchikt zyn. Dewyl in het laatfte zeventien bank fteden geftelt waren, heeft de Raadt gewilt, dat in het eerfte geen meerder, maar een gelyk getal zoude zyn, welke jaarlyks ten behoeve van de Stadt verhuurd wierden aan de Vleeshouwers. Waar uit ik moet befluiten, dat het getal der Vleeshouwers oudtyds grooter geweeft is, dan tegenwoordig, wordende thans maar weinige bank-fteden in de Nieuwftraat ge- bruikt , terwyl in het andere ook eenige ledig rtaan, fchoon de Stadt meerder bebouwt en ook volkry- ker is dan voortydts,en te dier tydt minder vleefch fchynt gegeten te zyn geweeft, dewyl alle de in*- woonderen, volgens de leer der Roomfche kerk, hunne vaftendagen onderhielden. De reden hier van zal zyn, of dat de neeiïnge meerder dan hedendaags onder de Vleeshouwers verdeeld was, of dat de armoede onder de gemeente niet zo groot , en voor al dat het vleefch zoo duur niet gevveeftis dan tegenwoordig , en dat dus de mindere gemeente het zelve tot hun dagelyks voedzel zal hebben konnen bekomen.
Walraven van Meurs zyne onwettige verkiezin-
ge by de Kerkvergaderinge van Bazel , door het gezag zyner twee Broederen , bevefticht gekre- gen hebbende , heeft alle middelen gebruikt om in de bezktinge van het Bisdom te geraken. Om zulks tegen te gaan, hebben op den laatften dag van de maand Maart, de vyf Godshuifen,deRid- derfchap en de Steden Utrecht en Amersfoort, zich nauw verbonden , om met alle hunne macht den Biflfchop Rudolphin zyncnzetel te befchermen,
Gg 4 'en
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
U T R E C H T S G H E
en alle koften en fchade, die zy daarom genoot-
zaakt zouden zyn te doen en te lyden, te verha- len van die geenen, welk hen hier in tegenftant mochten doen ; verklarende de verkiezinge van Jfalraven van Meurs onwettig , als gedaan docr die genen,welke daar toe niet gerechtichtwaren, en met raadt en toedoen zommiger vyanden de« vredes en des lands van Utrecht,vergaderingege- maakt hadden op ongewoone plaatzen , en tegen der Kerken en alle andere rechten, tegen hun- ne géfworene*eeden; een vermetele kiezinge ofpofta- latie, niet weerdig otn te noemen, gedaan hebben, ia verdoemenijje hunner zielen, fmerteniffe des H, Stoels van Romen, enfchande der luden (i)- ^e namen der Edelluiden , die nevens de vyf Capit- telen en Utrecht en Amersfoort dezen Verbandt- brief hebben ondertekent en bezegelt, hebbe ik goetgedacht hier te laten volgen , om daar uit te konnen zien, welke de Ridderfchap te dezer tydt uitmaakten. Dezelve zyn Jan van Ryneffe van Ry nou-wen , Willem van Montfoerde van Zweten, D.irk van Zulen , Vrederik Uten Ham * Vrederik U t en Ham van Baecflel, Ridderen, Gysbert van Fianen van Ri/ènborcb, fóhan van Ryneffe, Ste- ven van Zulen van Nyenvelt, Jonge Gysbert van Fianen van Rifenborcb, Melys van Mynden, Geryt van Zulen van Natewifch, Vrederick vanRyneffe^ Jonge Jan van Ryneffe, Ghysbert van Stcrcken- borch, Henric van Ryn, Gysbert van Nyenrode van Vdfen , Steven van Zulen van Nyenvelt Wil-
lems
(i) Zoo luiden de eige woorden van het Verbandt der Sta-
ten, 't welk gedeeltélyk Matth. t. ix. Anal. p. 417. en in 't geheel Her. Atnersf. Script, p. 29j. te voorfqhy^ heeft ge- bracht, en hebbe ik ook 't zelve gevonden en gelefen in het Capittel Van Oudtmunfler, |
|
||
|
|
||||
|
|
|||||||
|
|
JAARBOEKEN. 47$
lemi foen, Henric van Fyanen Jans foen, Alfervan
der Horft, Jacob Bor van Amerongen
*7 1 7\T > f* fl Tl' 1
|
|
|||||
|
|
|
|
|
||||
|
Zulen van Nyevelt, Eer R van Hinder fleyn, Gys-
bert van Herdenbroeck, Gysbert van der Haw, Jo- ban van der Meer, Gysbert van Hinderfteyn, Ja- cob die Foecbt van Ry nevelt, Melys Ut en Enge, Dirck van Zulen, Zweder van Zulen, Soude van Ryn, Vrederick van Steenre , Gysbert van der Haer Henrics foen, Loef'van der Haer, Loef van Ruweel, Florens van Jutfaes ^ Johan vanjfutfaes, Jacob van Zulen van Blikenburcb,BoekelvanRyn, Herman van Ryn , Otto van Ryn, Willam van Vloeten, Jróö» die Welt, SteefkenvanLoenrefloet, Alfer van der Meye, Willem van Wdre, Gysbert van Welle, en Florens van Blocboven, waar by zich op S. Georgius a vont Henrik Borre van Amerongen^ en den 15. September de Stadt Rbenengevoegt hebben,
Insgelyks heeft Biflchop Rudolpb zich verbonden,-,
de koften,die daar over te Romen zouden gemaakt worden , zelfs te zullen voldoen (i), en in het byzander heeft hy Amersfoort daar van ontlaft. (aj\
De Raadt heeft, om te beletten dat wegens
Walrctven van Meurs en de Kerkvergaderinge van Bazel geene vermaanbrieven of diergelyke, waar door de ruft in hunne Stadt konde geftoort worden , in de Stadt gebracht wierden, opent- lyk ter klokke af doen kondigen des vrydags na S. Johans dag decollatio : Die Raet van der Stat, voir gemeen nutfcap- ende orber'r ende om ^ alle onruft, twydrachte ende ander quaet tn de Stadt te fcuvjen, verbiet allen boren borgeren
G g 5 ende
(O De brief daar van is te vinden by Matth. lib. m. de
obil. i. pag. 773.
(1} Ziet de brief by Matth, R«r. Amcrtf. Script, p. tyj.
|
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
||||
|
|
474 UTRECHTSCHE 1436.
ende onderfaten, ende oec allen anderen -uatbeem-
fcben perfonen, dat nyemant en geen brieven, pro-
ceffen o/ie geboden eniger wtbeemjcher Heren ofte
Richtere, ende [onderlinge in der vermynringe des
hiligen ftoels van Komen , ende aucforiteyts ende
machten ons hilichs vader des Paeus, binnen der
Stadt ofte der Stadt vrybeid verkondige, ende die
gebade dair off doe, o die brieve off" enige copie dair
off" aen kerken ofte andere /leden aenflaen, off" laten,
off daer by , over ende aen fyn , dair dat gefchiet,
heymelic ofopenbaer in enigerwys; tben fy , dat de
brieven, procejffen ende geboden yerfle gefien , aen-
genotnen ende belieft/yn van on/en Heer van Utrecht,
$fie finen generalen Vicario, ende geoorloft, die ge
boden ende ver kundige dair off te doen. Éndewairt
dat yemant bier ynne bruekicb worde , ende die
Roet ther waerheyt vonde , dat woude die Raet
rechten an des genen lyff , die brukich bier ynne
worde, j onder ver dr ach, ende dit f eg een y geiteden
anderen voirt, op dat nyemant bier ynne onwetende
belaft worde. Ende hier feltnen één cedel, of'wt-
bangen voir HaJ'enbercb, om dattet een ygelic weten
mach.
De Raadt heeft ook 's woensdags na Viftoris eene
nieuwe ordre beraamt op de Vechtkeuren, welke in het Utrechts Placcaatboek , alwaar zy op het vorige jaar gebracht word, 111. Deel bladz. 282. kan nagezien worden. Als mede «p S. Barbaren avont twee mannen gezet om de goederen van lui- den des begeerende , openbaarlyk te verkopen, of te fchatten, en dat wel in dezer voegen : De Raet beeft een Ordinancie gemaeïï van der lude goede te vercopen.
In den eerflen fo wanneer defe twee totter lude
guede fitten en vercopen feilen , foe feilen fy der lu- de |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN. 475
de oirbair doen by horen eede, ende fy en feilen der
lude guet nyet mynen, noch nyemant van horen we- gen , ende fy en feilen geen veynote wefen an dat guet, dat men dair vercopen fel, of nyemant van bore wegen.
Item van den guede, dat beften, gefcat endever-
coft "worden, dat fy dair off"hebben feilen van eiken gulden vier doytkens, witten /cryfgelde.
Van den guede, dat gefchat ende ontwee geleyt
worde , dat fy dair of hebben feilen van eiken gul- één vier doytken,
Item van den guede, dat ontweegeleyt ende nyet
gefcbat en worde , dat fy dair off hebben feilen tot goetduncken der lude, dier dal goet toebeboerde, n& der tydt, dat fy dair over geweeft hadden.
Item -van den guede , dat men fcattede , ende
nyet ontwee geleyt en worde, dat fy dair off" hebben feilen tot guetduncken der lude , die dat guet toebe- boeren , na der tydt, dat fy dair over geweeft hebben.
Voirt fo dit defen tween bevolen is, fo en feit an-
ders nyemant doen, ende yernant die t hiern tegen de- de, die verboerde twinticb ponden , alfo dicke al ft gefcbiede , ende dat jouden de Busmeyfters van den Rade wtpanden.
Behoudeliken , dat een ygelic fyns felfs guet ver-
copen mach, off by wil, f onder defe tween, off"eni- gen van hem flair by te trecken. ende wair fy nyet by en fyn , dair en feilen fy nyet ojf hebben: dat is te verftaen, dattet nyemant doen en fel, dan die ge- ne, die in den boedel beflor ven fyn, ende f onder enicb geit dair ofte nemen.
Item van alle guede, dat vercoftwert, feilen defe
twee manen , ende dat geit dair aff"leveren bynnen acbte weken, gefondert ofenicb guet vercoft worde om
reet
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
'U T R E C H T S C H E 1436.
reet geit, dat fy dat geit dan leveren feilen binnen
veertien dagen: ende bier off'feilen fy hebben van eiken gulden eendoytken, behoudeliken, off die ge- ttewoude, die fyn guet vercoft worde, felve dat geit inmanen , dat mochten fy doen , jbnder enicb geit dair off te geven, Ende ofte defe voirfcreve vercofte guede aldus nyet betaelt en worden , dat dan die R.aet de/én twee» machte gegeven heeft defe gueden ruitten Busmeyfters van den Rade terflont wt te fanden.
Item off" enige hufe vercoft worden , dat fy dair
of hebben feilen tot guetduncken der lude.
Item nyemant en f all by nacht copen , noch leve-
ren.
Item om ghifte des dienft voirfcreve , fo hebben
boir voirvaders ende fy gehadt, als een ygelic van den tween zeflien ponden sjairs voir horen dienft , die defe twee voirfcreven qwtgefcbolden hebben der Stat van Utrecht voir hem, ende voir alle den gene, die defen dien/l namaals gegeven fel werden.
Ende van de/èr tyt voirt/ó feilen defe twee ende
boir nacomelingen, die dején dienft gegeven jelwer,- den, fehe vercopen, ende nyemant anders van hor e wegen.
Item off'enicb van defen t ween, die nu den dien/l
hebben , ojf namaels hebben feilen, dit verbraken, die verboerde dit ambocbt, ende fwe maenden els Stadt.
Ik heb op het jaar 1425. verhaalt, dat onder de
veelvuldige geweldenaryen, gepleegt op den dag der inkomfte vanBiflchop SwedervanCuylenborcb, het oproerig volk ook was gegaan naar het huis van Jacob van Lichtenbercb Prooft van S. Pieter, en 't;zelve geplondert, en alle eerbiedt, voor't geen tot godsdienfbge gebruiken gefchikt was, uitge-
fchud
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1436. JAARBOEKEN. 477
fchud hebbende, zelfs de kerkgewaden en boeken,
welke tot de Godsdienftoeffeningen afgefondert waren, weggenomen hadden, en gedreigt,indien zy hem konden vinden, van het leven te beroven. Om hier van vergoedinge te krygen hadt de gemel- de Prooft zich naar Romen begeven , en aldaar rechtvorderinge verzocht tegen de Stadt, hunne borgers en onderzaten. Doch dewyl al het onge- lyk den Prooft aangedaan was door het muitziek volk, tegen den wil der Regeerders en de goede bor- gerye , heeft de Raadt den Prooft verzocht af te willen zien van de begonne rechtsvorderinge, on- der belofte van voldoeninge, waar toe de Prooft zich gewillig getoond heeft; onder zekere voor- waarden , vervat by het befluit des Raadts, geno- men des vrydags na alre Apoftelen,'twelk van de- zen inhoudt is. dlfo kenliken ende openbairfyn die grote vrefe, anxtenende la ft en, den eerberen Heer e JACOB VAN LICHTENBERCH , Proeft tfïnte Peter fUtrecbt^ die onje lieve beer ende wendt altoes ge- "weeft is , in ftnen live, ende grote finen jcade an fynre haven, gelde, cleynoren ende guede , geleden heeft, dat hem doe van onfen gemene volke en den ommelopen gefcbiede, op ten dage der incoempfte Bïf- fcops Zweden van Culenborch, mit grote ongenaden ende geweiden, dair die Proeft, om dat onrecht te wederftaen , ende onfe gemene Stadt dair voir to te fpt-eken, ende bcteringe mitten recht aff"tegenwoer- dich tot Romen gereden was ; dat doe die vrenden vernemende den Rade te kennen gaven , J'creef onfe Raet in naem der Stad 'tot Romen aen den Proeft, hem biddende, dat by fyne rechtvorderinge nederleg- gen woude , die by begonnen badde op onfen borge- ren ende onderfaten , die ommeliepen voirfcreve ; want fy bent dat recbten ende beteren wouden van
der
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
478 UTRÉCHTSCHÉ 1436.
éér Stat-wegen, o ff" van der ballingen gueden: heeft
die Proeft doechdeliken, om die vrenden , die buten boren fculden dair medebelaftgeiveeft jolden hebben, tontlaften, tot Romen nedergejlagen, ende aan den Rade getogen , dair tujfchen den Proesft ende onfen Rade out ende nyvje -aan wegen onfef alinger Stadt of overcomen ende overdragen is, dat die Proef/f, defe alinge fake overgeflegen heeft, ende vergeven om Goits <wil, mit eere ende cleynre beteringe hem dair voir te gefchien ende te doen. IVelke eer ende beteringe hem die Rade oudt ende nywe geloeft te doen ende in horen boeken gefcreven hebben, ende wefen fel in defer manieren: te weten, als die Proefft ge- ftorven is, ah ivy alle moeten, zeilen die Rade out ende nyvue tot fynre begangeniffen(Oende ivtvaert comen ende offeren, Gode f eere, elc horen penninCj fo verre hy binnen der Stat begraven wort: ende fo fal die Raet van der Stadt tot tes Proesft wtvaert wyn over den Proefft geven, als den Schuit, eiken Overften ende den Camerair ouden ende nywen een take Ryns wyns, eiken Scepen, Rade ende Ouder- mannen , ouden ende nywen een halve take Ryns wyns, ende eiken legen knaap een mingelen na boe- ren gewoenten. (2)
Foin
(1) "Begangeniffen,} Dit word hier geftelt voor Jen uit-
Taart , Ichoon het doorgaans verricht wierd op zekere vaft gefielde dagen, als het lyk al ter aarden was beftelt. Eegan- j^eniflen te doen , of begaan wierden gezegt in deze tyden , in welke het bygeloof noch in zyne volle kracht was , die geenen , welke, een Priefter een kruis in zyn hand hebben* de hen voorgaande, al biddende voor den afgeftorvene, rondt- om het graf van den overleden gingen, zynde de grafzerk met zwart laken bedekt, en om dezelve eenige waskaarzen opgedoken. Ziet hier van breeder Matthaeus de Fat.&Fun- dat. Ecclef. p. 7}. 103. en 307.
(2) In alle ftatelyke ommegangen, of, zoo men het noem-
de,
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1437- JAARBOEKEN. 479
Voirt feilen alle lyfrenten, dair die Proejft heffer
ojfis, ende die brieven dair of/prekende, heel ende. ongequetfet bliven jlaen op zulken live, als zy ftaen na inhout der brieven.
Voirt fel men betalen den Proef/t alle zyne after-
ftallige lyfrenten, die hy an der Stadt ten afteren is tot defer dage toe.
Dezelve Prooft van S. Pieter heeft zich in dit
jaar vergeleken met het Capittel, over het ver- fchil, 't welk zy eenigen tydt gehadt hadden nopens het geen de Prooft jaarlyks aan het Capittel uit de goederen van de Prooftdye moeft uitkeeren. (i)
1 4 3 ?
,
In 't jaar 1437. is de Regeering verzet op deze
wyze:
Schepenen.
-*
.
Pilgrim de Wael.
Willem van Winfen.
Godert die Coninc.
Willem van Gent.
Adriaen van Landscroen.
Steven van Nyenvelt, Borgermeefter.
Goetfcalc van Winfen.
Reynier van Tetwyck.
Jan van Drakenborch.
Timan
de, proceflien , wierd door de Stadt wyn gegeven aan de
voornaamfte en ook aan de beampten, die dezelve bywoon» den, waar van wy in 't vervolg gelegenheit zullen hebben, nader verflag te doen.
(i) De brieven hier van heeft de Heer Drakenborchinzyn
Aanhangzel .op de Kerkelyke Oudheden bladz. 3 f o. en volgen. de, te Toorfchyn gebracht. |
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
480 UTRECHTSCHE 1437.
Timan Nypyfër.
Peter Grawert. Jacop van Amerongen.
Raden,
Peter over die Vecht.
Geryt Knyff.
Jacob Mertens zoen.
Willem Proeft.
Henric van Loenrefloet.
Ghifebrecht Lichtenap.
Herman Claes Vranks zoen.
Jan Schot.
Lambert van Zulen.
Jacop van Winfen.
Henric van Scalcwyc.
Jan van Hamelenberch.
Jan Taets.
Geryt Foeck.
Willem Block.
Peter Hubert Daniels zoen.
Jan Mathys zoen.
Arnt Hoet.
Gheryt van Vloeten Henrlx zoen.
Godert Egberts zoen.
Roeloff Tideraans zoen.
Ghifebrecht die Gruter.
Jan vanLichtenberch Proeyszoen,Borgermeefter.
Jan Rwflche Peters zoen.
,
Oudermannen.
Braem van Lichtenberch. 7 ,xr ,r .,
Philips van Gruenevelt. l Wantfmders.
Hen-
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
||||||||
|
|
-JA A RB;ö -
Henric Stamer. -, « ., .
Arnt Guneer. * Midera.
Jacob Scrodekyn. -, Backer<!
Ermbrecht over Ryn. |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
Henric Jacops zoen. > «_,
Otte Peters zoen. Brouwen.
Peter Calle. -? w.r ,, .*, ;-
TA- u ? Vilchkopers.
JJirc Heer. J - -
Jacop Proys* -, Loüwers
Jan van Amerongen. *
Willem Verwer. -, wo]iewevers
Arnt Lieboert. *
Henric die Witte. -i ^51^0,-
Godert Coninc van Voerde. s
Arnt van TyeL } Botterluden.
Steven Stevens zoen. J
Roeloff uten Elsweert. } Cordewaniers.
Jacop Veen.
Henric Buddinc. J Oudecordevvaniers.
Geryt Roedinck.
Tideman Dedell. } Corettco s.
Hennc Stoeck. J
Everc van sm()&t' l Oudewantfniders.
Wiilem van Budenberch. s |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
r
,' . '{'
H h Bernt
|
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
||||
|
|
48* UTRECHTSCHE 1437.
Bernc Grawert. } Bylhouwe.
Renier Arnts zoen. J
Jan Bolle. } Smeden.
Jan van Benfcoep.
Lambert Menfen zoen. -, Zadeiaars Sander van Heemftede. s
Ik heb op het einde van het vorige jaar raeldin-
ge gemaakt van de vereffeninge der gefchillen tufïchen Jacob van Lkbtenbercb, Prooil, en den Deken en Canoniken der Kerke van S. Pieter, meeft het Rechts-gebiet rakende; doch dewyl zy daar door in alles noch niet eens waren, voor al over het geen de Prooft aan de Kerk jaarlyksmoe- fte uitreiken , hebben zy in dit jaar noch een na- der verdrag aangegaan, om voor het toekomen- de altydt te worden nagevolgt. (i)
Dit verdrag is eerft door den Biflchop en na-
derhant door de goetkeuringe van Paus Eugenius den vierden bekrachtigt, welkers brief, tot noch toe onuitgegeven, ik in het Regifter-boek van S.Pie- ter gevonden hebbe , en dewyl de anderen door den Heer Drakenborch zyn te voorfchyn gebracht, gelove ik geenen ondienft te zullen doen aan de be- minnaars van diergelyke lekkernyen, indien ik de- zelve hier plaats geve. (2)
Eugenius Epifcopus, fervus fervorum Dei,
" ad perpetuam rei memoriam, Romanus Pond-
fex , Dei in terris Vicarius circa quarumlibet
" ejus curae coelitus commiiïarum Ecclefiarum,
" nee
(i) Ziet Drakenb. Aanhangz. op deKerkel.Outhed.bladz.
363.
U) Matthaeus de Jure Gladii, cap. vin. maakt van dezen
brief gewag, en brengt 'er een ftuk van te voorfchyn. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1437- JAARBOEKEN. 483
nee non Ecclefiafticorum, ut fingulis fublatis
ab ipfis jurgiorutn & diflenfionum difpendiis,in pacis, quae exuperat omnem fenfum ,&quictjs ubertate altiffimum jugiter collaudare & bene- dicere valeat perfonarum ftatus, & indemnitate Apoftolicos diffundit copiofius cogitatus, ac Jl- lis, quae pro ipfarum Ecclefiarum & perfona- rum fucceflu profpero provide prodiiïe compe- rit, ut illibata perfiftant, perpetui roboriscon- fuevit adifcere firmitatem: Sane pro parte dile- ftorum filiorum Jacobi de Lichtenbercb Praepo- fiti, Petri Zuermont, Decani , & Capituli Eg. clefiae Sanéti Petri Trajeftenfis , nobis nuper exhibita petitio continebat, quod olim ipfi pro- " vide attendentes, quod inter eos mutuo, ipfo- rumque fucceflbres, fuper fervitio five miniftra- ' tione panis ac cervifiae denariorum meniurna- " lium, ac aliorum jurium de bonis Praepofiturae " diftae Ecclefiae ipfis Decano & Capitulo, debi- " taque undecunque & qualitercunqueprovenien- " tia, pro hujusmodi fervitio five miniftrationedi- " ftis Decano & Capitulo ypothecata & obligata " cenfebantur, grandis fere fingulis annis moder- " nis, & etiam retroaftis temporibus fuborta fue- " rat materia quaeftionis, & exinde diétaEcclefia M gravia in fpiritualibus & temporalibuspertulerat ' detrimenta, pro evidenti ipfius Ecclefiae utili- " tate ad unam temporalem ad ipfius Praepofid " vitara , nee non aliam , perpetuis temporibus " duraturas concordias devenerunt : videlicet, " quod jurisdiftio ecclefiaftica Praepofiturae, five " Archydiaconatus diélae Ecclefiae, cum omnibus " fuis obventionibus & emolumentis, nee non ' Vafallorum inveftitura , feudorum cognitio 6; " dgcifio , de eisclem beneficiorum collatio,
Hb *
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
484 UTRECHTSCHE 1437-
" cum praebenda, diftae Praepofiturae annexa, ad
" diftae Ecclefiae Praepofitos, pro tempore exi- " ftentes , ficuti haec omnia fpeftare confueve- " rant, & tune fpeöabunt ad eundem Jacobum " Praepefitum , ad ipfum , ejusque fucceflbres, " fub cercis modo & forma tune expreflis pertine- " rent; ita quod de aliis bonis & juribus,quaead " diftam Praepofituram pertinere confueverant, ' Jacobus & fucceflbres praedifti nullatenus ie ' intromitterent; fed eflent extunc in antea ab " omnibus oneribus & obligationibus, live fervi- " tiis, quibus ratione bonorum diftae Praepofitu- " rae praefatis Decano & Capitulo, aliisque per- fonis, quibus in cervifia & panibus, denariis " menfurnalibus, & aliis fervitiis five juribus mi- ' niftrare tenebantur , penitus liberi & abfoluti, " falvo , quod Praepofitus diftae Ecclefiae pro " tempore exiftens teneretur confuetum fervitium " in choro diftae Ecclefiae, & in illa, nee non " miniftrationem , quae alio nomine mandatum " nuncupatur, fingulis annis per totair»quadrage- fimam pro pauperibus, & in diecoenaeDomini pro Decano , Scolaltico, Thcfaurario, Cano- nicis, Vicariis & Scolaribus, aliisque Officiali- " bus diftae Ecclefiae, facere modo confueto: nee non omnia & fingula diclae Praepofiturae bona, five in cenfibus, vel decimis, groflis aut minucis, vel jurisdiétionibus, feu dominiis cor- poralibus, aut terrarum feu bonorum commuta- tionibus, vulgariter hanfwijfele, five in penfio- nibus, reddidbus, obventionibus, aut bonorum devolutionibus, five in mancipiis authominibus cerocenfualibus, vel cuermedalibus, feu aliis quibuscunque juribus , bonis & rebus confifte~ " rent, ac libera & plenaria adminiftratio five
" difpo-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1437- JAARBOEKEN. 485
difpofitio eorundem cum omnibus fuis obventio-
nibus, & emolumentis, certis &incertis,etiam ratione figilli, aut alias quocunque jure prove- nientibus, Decano & Capitulo praediftis, ad ufus perfonarum in eadem Ecclefiapraebendata» rum , & aliorum , quibus per ipfius Ecclefiae Praepofitos pro tempore exiilentes, miniftratio de fupradiétis fieri confuevit, perpetuo incorpo- rarentur , unirentur & annedterentur, & inter eos fecundum ratam , uniquemque eorum con- cernentem , ad inftar bonorum diviforum fine diminutione qualibet , miniftrarentur & divide- rentur : ipfeque Jacobus Praepofitus , Petrus Decanus & Capitulum concordiis praefatis, ne- mine difcrepante,fuum confeflum adhibuerunt, nee non illas acceptarunt & fufceperunt, ac il- las fucceflive venerabilis frater noiler Rodolpbus Epifcopus Trajeftenfis ordinaria aucloritate confirmavit, prout in literis authenticis defuper confeétis, ipforum Epifcopi, Jacobi Praepofiti, ' Decani & Capituli figillis minutis, & quarum " tenores de verbo ad verbum inferi fecimus, ex- ' tenfius continetur. Quare pro parte Jacobi " Praepofiti, Petri Decani, & Capituli praedifto- " runi nobis ftiit humiliter fupplicatum , ut con- " cordiis, acceptationi, fufcepdoni & confirma- " tioni praediftis, nee non aliis in eisdcm literis " contentis , pro firmiori illorum fubfiftentia ro- " bur Apoftolicae confirmationis adifcere de be- " nignitate Apoftolica dignaremur. NOS igitur " hujusmodi fupplicationibus inclinati , nee non " concordias, acceptationem , fufceptionem & " confirmationem ac contentainliterishujusmodi, " & quaecunque inde fecuta , rata habentes, & V grata illa omnia Apoftolica auftoritate, & ex
H h 3 " certa
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
486 UTRECHTSCHE 1437.
* cïerta fciemia confirmamus & approbamus, ac
" praefentis fcripti patrocinio communimus, fup- 4 plentes otnnes defeftus, fi qui tbrfan intervene- " rint in eisdem. Tenor vero diftarum licerarum " fequitur & eft talis."
Hier op volgt dan de brief door den Deken ert
het Capittel uicgelevert , welke de Heer Draken- borch op de gemelde plaats heeft uitgegeven, en daar na volgt de goetkeuringe van Biüchop Ru~ dolph, welke om dat ze tot noch toe niet gedrukt is , als mede het overige van des Paus brief, ik hfer laat volgen.
" Rodolpbus Dei gratia Epifcopus Trajeftenfis,
" notum facimus univerfis Chrifti fidelibus , tam " praefentibus quam futuris, quod nos ad fuppli- " cationem venerabilium Dominorum Jacobi de " Licbtenbercb Praepofiti; nee non Decani & Ca- " nonicorum capitularium EcclefiadnoftraeSanfti " Petri Trajeftenfis , concordias & ordinationes ' per Praepofitum ex una, acDecanum &Cano- " nicos praedidtos, partibus ex altera, faftas, ac- " ceptatas, amplexas & fufceptas, de quibus in " literis, quibus haec noftra praefens littera eft " transfixa , memoratur, tenore praefemium ap- " probamus & ratificamus, ratas & gratas habe- " mus, nee non jura & bona corporalia & incor- " poralia, prout in diélis licteris defignata funt & " confcripta, praefatis Dominis Decano & Capi- " tulo, ad ufus, in iisdem litteris defcriptos,per- " petuo incorporamus,unimns&anneflimus,eas- " que, ac ea , in Dei nomine auftoritate noftra " ordinaria confirmamus noftrarum teftimonio lit- " terarum. Datum anno Domini MCCCCXXXVII.
menfis Aprilis die. undecima. Nulli ergo om-
" nino hominum licet hanc paginam noftrae con-
" firma-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1437- JAARBOEKEN. 48;
firmationis, approbationis, communitionis &
fuppletionis refringere , vel ei temerario aufu contraire , fi quis autem hoc attemptare prae- fumpferit, indignationem omnipotentis Dei & beatorum Petri & Pauli Apoftolorum ejus fe noverit incurfurum. Datum Ferrariae anno in- carnationisDominicae MCCCCXXXVII. fexto deci- mo Kal. Apriles, Pontificatus noftri anno oftavo." Ik voege hier noch by, dewyl 't zelve mede het Capittel van S. Pieter,betreft , dat in dit jaar Jo- ban van Nyenrode aan de gemelde kerk overgege- ven heeft den Ottcrfpoorfe Tiende, by Breuke- len aan de Vecht, waar van ik dezen brief gevon- den hebbe:
Allen den genen , die defen brief zullen fien ,
off horen lefen, doe ie verftaan Johan van Nyen- rode, dat ie voer my, myne erfnamen ende na- comclingcn, quytgefcouden hebbe, en de quyt- fchelde mit defen tegenvvoirdige brieve den eer- ' beren Heren Deken ende Capittel der kerken " tot funte Peters t'Utrecht , alle recht, toefeg- " gen ende aenfprake, dat, ende die,ie my ver- " nieten hebbe , ende vermeten te hebben, ofte ' in enigerwys hebbe , of hebben mach, aenden ' Tienden groff ende fmal, gelegen in den kers- " pel van Broeclede an der weftziden van der " Vechten, tuflchen der felver Vechten, ende " den Otterfpoer Broecdyck ; ftrckkende boven " van de Maerienbroeker Weteringe,dicnuleget " uit gefcheit tufïchen der kerfpclen van Maerien " ende Broeclede voerfcreve , voert nederwert " alfoe veer, als ter Proeftyen Gerecht van funte ' Peter voergenoemt gaet tot aen des Billcops " gerecht toe , geheten Otterfpoer tienden, ofte " anders hoe die genoemt moegen welen, tus-
Hh 4 " fchen
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
488 UTRECHTSCHE 1437-
" fchen ende binnen der bepalinge voerfcreve,
' foe fy nu gelegen fyn: ende gelove in goeden
" truwen voer my, minen erfnamen ende naco-
" melingen voerfcreve, den Heren voerfcrevö
" geen aenfprake , crot , moyenifle ofte hinder
" meer te doen, of te doen doen in enigerwys aen
" den Tienden,gelegen tuflchen ende binnen der
' bepalinge voerfcreve, nochte aen gene anderen
" horen ende hoirre kerken voerfcreve goede,
" oick waer die gelegen zyn, mer hem vordelie
" in te wefen tot ewigen dagen. Oick mede foc
' belye ie Joban van Nyenrode voerfcreve , ende
' bekenne voer my , myne erfnamen ende naco-
" melingen voerfcreve, mie defen felven brieve ,
" my wittelike ende wel voldaen , betaelt ende
" vernuecht te wefen van alre aenfprake , die ie
" gehadt hebbe, ende hebbe op ten Heren Deken
* ende Capittel voerfcreve , ende hoire kerken
" ende goede voerfcreve, alzo dat ie dair om voer
" my, ende den felven mynen erfnamen ende na-
" comelingen, die Heren voerfcreven, ende alle
" die gene, die des van hoirre wegen behoeven,
" claerlicke ende altemael daer van, ende van al'
" len opfeggen , dat ie op hem gehadt hebbe tot
" op datum des briefs, oeck van wat faken rue-
" rende, gequyt ende gevryt hebbe , quyte ende
" vrye mit defe tegenwoirdigen brieve , fonder
alle argelift. In Kennifle der waerheit foe heb-
' be ie Johan van Nyenrode voergenoemt minen
zegel aen defen brief gedaen. Gegeven int jaer
ons Heren MCCCCXXXVII. des manendachs na
" funte Thomas dach Apoftel.v
Op dat de Stadt Utrecht wel verzekert zoude
zyn voor de liftige aanflagen van Walraven van ffleyn ? wiens geftadige toeleg was 4e .Stadt te
b.e-,.
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1437- JAARBOEKEN. 489
bemachtigen, om dus in het bezit des Bisdoms te
komen , heeft de Raadt op S. Gregorius avont overdragen , dat Schepenen , Raden en Ouder- mannen van den nieuwen Raadt mede zoude wa- ken met hunne Gildebroeders, op verbeurte tel- kens van eenen braspenning; ende indien dje geene die niet en waakten,verzuimig waren dezen boet- penning te betalen, zoo zoude de Busmeeftervan den Rade die betalen,en twee braspenningenuit- panden van de geenen , die zich niet van hunnen plicht hadden gekweeten. Om voorts ruft in de Stadt te houden , heeft de oude en nieuwe Raadt den ix. Junius eendrachtig overgedragen, 'waer enich man, onfe borger offonderfaet, die hem eniger geiflelïken here geoirdent off ongeoirdent, ho- re per Jonen , kerken ojf doefleren gueden , rechten off" pachten onderwonde , voirftonde , jprake , off" boetfcapte, offdede, tegendragende onjer Stat van Utrecht, onfen Rade, onjèn rechten, onfen gemene gueden, vry heiden, off ouden haircomen, die ver- boerde ende feil ut er Stadt wefen vyfjair lang, en- de een mile van der Stadt te "wej'en. Dit ftrekte voornamentlyk, omdieHeeren, welke Walraven volgden, te beletten, de inkomften , aan hunne gceftelyke ampten verknocht, te genieten.
Dewyl het meermalen voorgekomen is, en in
het vervolg dikwerf meldinge zal gemaakt worden in banvonnifTen, waar in de Raadt dezer Stadt die geenen, die de Stadt verboden wierd, 't zy voor hun leven,'t zy voor zekeren tydt, ookgelafteeen myle van der Stadt te blyven , en zulks den Lee- zer bedenkelyk zal voorkomen , dewyl Stadts ge- bied buiten deszelfs poorten zich zoo verre niet uitftrekte, zoo moet ik eens voor al den Leczer b.erichten, dat zulks van alle oude tyden af verricht
Hh is
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
49» UTRECHTSCHE 1437.
is geweeft, zoo verre zelfs, dat al ftond het in het
vonnis niet uitgedrukt, echter die gene, welke de Stadt verboden was, een myle van de Stadtblyven moefte, hebbende ik in een oudt boek op Parkement gefchreven , in ons Stadhuis beruftende, dit na- volgende gevonden: Intjair ons Heren MCCCLXIIII. des Donderdagbes voer ftnte Johans dach te Midde- fomer , vaart overdragben mlt out Kaet ende mit nywe, waer dat yemant die lyfoflit ver boer t had- de , of die de Stad verboden itiair, of noch -verboden worde , alwaer daer ghene mile gbenoemt,, dat hï nochtans een mile van der Stadt we/èn zei. En zyn in dit zelve jaar des Saturdags na Epiphaniae, Lam- bert Walmer , die voor vyftig jaren om zyne be- gane misdaden de Stadt verboden was, tüEgbert van Zweten, die eenen manflag begaan hadde aan Gerrit Wouters, en uit dien hoofde de Stadt ont- zeit was, met den zweerde gerecht, om dat zy voor de Stadt en binnen een myl van de Stadt ge- komen waren.
Jobannes van Elsweert, Canonik en Kerkmeefter
der Buur-kerk, heeft aanzienlyke gefchenken aan de gemelde Kerk gedaan, beftaande in eenen gou- den beeker en fchotel, wegende drie mark, twee vergulde kruiken,een fwart zydekleetmetgouten edele gefteentens ve^iert, om te bedekken den geheiligden ouwel, en eenen kelk of beeker, waar in het lichaam onzes Zaligmakers, naar het voorgeven der Roomfche Kerke , by de zieken gebracht wierdt, met een zeer fraai misboek, onder voor- waarde dat deze goederen nooit vervreemdzouden worden,maar aan de Buur-kerk altydt blyven,om in alle hoogtyden daar van gebruik temaken, (i)
Aar-
(O De fn'ftbrief kannagezien worden byMatthaeus i.Fun-
dat. Ecclef. vi. p. 170. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1437- JAARBOEKEN. 491
Aamout Hertog van Gelre heeft in dit jaar het
Karthuifer Kloofter te Bloemendaal, buiten dezer Stadts Weerd-poort gelegen , toegeftaan jaarlyks zes voeder-vaten Wyns, vry van de Gelderfche tol- len, te mogen voeren naar het Kloofter (i), ten. bewyze, dat die Kloofter-heeren niet geheel af- keerig van den Rhynfchen wyn zyn geweeft.
Ook moet ik niet overflaan . dat den xxn. Au-
guftus de vyf Capittelen , de Ridderfchap en de Stadt van Utrecht,het eens geworden zyn omtrent het maken en leggen van een Sluis in de Vecht aan den Hinderdam, en eene vafte ordre beraamt hebben, omtrent het onderhouden en fchouwen van de Vecht en den Rhyn. (2)
Het fchynt, dat voortydts op de Staats-vergade-
ringe, welke in dezen tydt het Generaal Capittel (3) wierd genoemt, veele , zoo niet alle, Lee- den des Raadts der Stadt Utrecht verfchenen zyn, doordien ik in des Raadts boek op onzer Vrou- wendag afluvnptio aangetekent vind: Scepen, Ra- de ende Oudermannen fyn overdragen eendrachte- lic, voer rufte ende vrede, dat fo wanneer de Over- fle tben generael Capittel gaen, dat nlemant van onfen Rade anders, dan Overfle, tben Capittel co- men en feilen, en de aldair mit Ridder j cap, of mit nyemant anders, te rade ofte fprakegaen,off'comen en feilen, dan bi den Overfte, off fy dalr by van den Overfte geroepen warden, ende yemant, die anders deden, die J el tive jaren ut en Rade ivejèn.
De
(i) Mattihaeus ibid. lib. u. cap. 3. p. 41?.
(z) Ziet Utrechts Placcaatb. III.Deel, bladz. zif.
(t) Ziet Matthaeus tom. n. Analeót. p. 79. enFundaf. Ec-
clef. lib. i. cap. xv. §. 4.. en van Ryn Aantek. op de Kerkel.Outh. n. Deel, bladz. 103. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
UTRECHTSCHE 1437.
De Saturdag was geftelt tot het houden van den
wekelykfchenMarktdag; doch dewyl zomtydtsop denzelven de vieringe van eenen heiligen moeft verricht worden, zoo heeft de Raadt des Vrydags na Martini in den Winter verftaan :
Om Gode ie eren, ende die heilige dage te vieren,
fo gebiet die Kaet, ende laet enen ygeliken weten, dat fo wanneer hst Sater doges heilich dach is ^ /ben felmen des dages hier geen marSte houden , noch marffe we)en ; mer die marSidach fel dan we/én, ende fel men houden des yerftcn iverkedages voer den Saterdach voirfcreven, dat is te verflaen, waert des Vridages oick heilich dach toaer Jo fel die marft- dach des Donredaghes te voren wefen , alfo verret dan werkedach is, ende fo voirt vervolgende,
Door het Waterfchap van Byleveld eenehoute
brugge gelegt zynde aan het einde van Gervers- cop, over de rivier van Byleveld, hebben de ge- meene buuren van Gerverscop aangenomen ten eeuwigen dage die brugge te onderhouden ; zyn- de aan hen toegeftaan, om altydt de aarde tuflchen den Indyk en Gerverscop te mogen halen ter aan- hoginge en fterkinge van de brugge. (i)
Wy hebben hier boven bladz. 216. gewag ge-
maakt van een Raads-befluit, vervattende deftraf- fe tegen de Overfpeelders geftelt. In dit jaar heeft de Raadt een nader befluit tegen dezelve geno- men , 't welk, ten blyke hoe deze zonde in deze tyden geftraft is geworden , ik geoordeelt hebbe hier in te moeten voegen, 't Zelve is des Vrydags op S. Lucien dag in dezer voegen ter klokke af. gekondicht: Aljb alle overfpele tegens den geboden
Colts
(t) De brieven hier van zyn te vinden in het Utrechts Plac-
caatb. ii.Deel, bladz. 144. en 14.7. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1437- JAARBOEKEN. 493
Goits ende der biliger kerken fyn, ende onfe Raet
dalr omme dat dicke verboden beeft, dair noch grote
f'breke ynne gevallen fyn, dair omme gebieden die
a de van on j er Stadt out ende nyvue allen den genen die in over/puele fitten , mannen ende wyven, nye- mant ge/onder t, dat fy hem van een fc heiden tuffchen dit ende en Sonnendage naijlcomende, ende van mal' kanderen bliven , [onder ummermeer weder te fa- men te comen, by enen koer van vyfen tvaintichpon- den , dat is te verftaen, een man, die een getruwet ivyjf heeft , of een voyff", die een getruwede man heeft, ojfman ende wyff', die beide ander ivyffende manne getrouwen levende hebben, dit feilen elc hoir koeren voirfcreven ver boer en, off zy tot eniger tyt weder te fame vergaderden.
Ende enige tvive, die getruvaede man hebben, en-
de mit yemant anders in overjpuele fat en, endehem niet en fcbeyden ende gefcheiden bleven, zeilen ver- boeren den l'elven koer.
Mer wair yemant van onfen Rade, die hier fyrue-
k'ich ynne wair, ende hem niet en fcheiden, als voir- fcreven is, die feilen gelden dubbelde koeren, ende een jair lang bier toe wt den Rade te ivefen.
Oec enich onfer knapen ofte knechte{\} die in
over/puele zaten, ende nyet en fcheiden, als voir- fcreven is, die feil ter (lont bier toe fyn cleder neder- leggen, dubbelde koeren gelden, ende een jair /j n ambocht verboeren.
Ende deje koeren feilen die bruekige brengen voir
en f en Rade op ter kiften, als die Rade dair te rade fitten, ende die koeren feilen hebben die Raet dat
der-
(i) Zoo wierden te dier tydt Stadts Deurwaarders en Bo-
den genoemt, waar van wy in 't vervolg nadere gelegenhcit zullen hebben om iett aan te tekenen. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
494 UTRECHTSCHE 1437.
derdendeel, die Buffemeyfter dat ander derdendeel,
ende zoe wie de/e overfpuelers melt, ende den Rade bybrenget, dat derde derdendeel. Ende dit hebben die Busmeyfïers die nufyn, gefwoeren aldus t e hou- den , ende nyet te verbreken: ende des gelycx feilen alle Busmeyfters van den Rade alle jair doen ther- flont nas onfer Frouwen LichtmiJJe.
Ende hier toe off die overfpuelre man, ivyff", of
beide, hem aldus nyet en fcbeiden, offnamaels we- der te f amen quamen ^ zoe zelmen den man, off wyj/f offbeyde, die in overfpuele aldus te famen fat en, die Stadt verbieden- vyff jair lang, ende een myle van der Stadt. quamen Jy oec weder in onfer Stadt tenden der vyff jaren voirfcreven , ende fy nyet van mal- canderen gefcheiden en iaaeren, off weder te [amen quamen , zoe zoude men hem onjè Stadt verbieden Men jair lang.
Voert hebben die Rade out ende nywe overdragen,
dat alle die gene, die in overfpuele aldus gefeten heb- ben , ende gefcheiden fyn, die een in des anders buys, dair fy ynne wonen, nyet comen en feilen, by dage off" by nacht e, by den /elven koer als voirfcreven is.
1438.
In den jare 1438. zyn tot Regeerders verkoren 5
Schepenen.
Dirick van Houdaen.
Arm van Amerongen, Borgermeefler.
Rotert Proys.
Eerft van Herdenbroec,
Henric Vranck.
Joban" Sloyer,
Jan
|
|
||
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
1438. JAARBOEKEN. 495
Jan Trinde.
Jan die Coninc. Roeterc van Landscroen. Herman van Lewenberch. Renier uten Ham. Jan van Jutfaes.
Raden.
.
Johan over die Vecht.
Huge van Grnenenberch.
Dirc Willera Henrics zoens zoen.
Dirc over Ryn.
Jan van Cleve.
Jan Grawerc Wouters zoen, Viskoper.
Louwrens Vranc Godeverts zoen.
Voern van Kersberch.
Johan de Wit.
Peter van Abcoude.
Ghifebrecht de Wolf van Hamelenberge.
Willem van Snellenberch.
Jan Grawert Hugen zoen.
Simon van Teilingen.
Ghifebrecht van Vlueten.
Jonge Jan van Lichtenberch, Borgermeefter.
Eerft Jans zoen.
Johan Rwsfch.
Wemmer van Marfen.
Renier Modde.
Geryt van Hensberch.
Wouter Schot.
Henric van Gent.
Jacop Tidemans zoen.
|
|
|||
|
|
|||||
|
|
Ouder»
|
||||
|
|
|||||
|
|
||||||||
|
|
UT RE .C ,H>r S C H E
OudermaftWefi. '
. (tinïö doae!
'*»
" ' »'«$
Henric Hafert. x -.
Pouwels Scrodekyn. t meKers-
Gervt Pvl T »/^i
oerycryi. } Molena rs.
Everc Evercs zoen. J
Andj-ies van Coten. -> Tvnnewevers
Claes Jans zoen van Monikendam/ ^yn
zoen. > Br°ers'
|
|||||||
|
|
||||||||
|
|
.
Oudecordewanier,
'Boudekyn Wimkens zoen. -? ^^
Geryt van Luttikenhuys. > Corencopers. |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
P
|
-> fa
Geryt Willems zoen. > ^nlCerS.
Oudewantfniders.
>H l-* t si-
Hen- |
|
|||||
|
|
||||||||
|
|
||||||||
|
|
|||||||
|
|
JAARBOEKEN. 497
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
Geryt Mathys zoen. -i » , . ..
Geryt van Nefle. > f*Titol>
Onder de ballingen was geen der mïnften ^///(»«ii
vatt Dor/cben , gefproten uit eenen ouden Utrecht- fchen Stam, van welke volgens het getujgenifle van Buchel (i) de Dorffcbe Veenen, gelegen by Over- meer , of den Hinderdam , hare benaminge hebben. Deze haddehet met Sweder van Cuyfenboreb tegens Biflchop Rudolpb gehouden, en daarom indenjare 1426. voor eeuwig hem de Stadt verboden zynde, zoo als ik hier boven bladz. 3 27. heb verhaald, had- de hy nochtans tegenszyne belofte en verband, by eenen oirveede brief gedaan , van regens de Stadt noch deszelfs borgers en onderfaten niets vyant- lyks te zullen onderneemen , verfcheide tochten tegens de Utrechtenaars bygewoont , en met veel iever Biflchop Rudolpb, en die hem gunftig waren , getracht nadeel toe te brengen, waarom ook geld op zyn lyf was gezet, zoo als ik hier boven bladz. 370. heb gemeld. Doch op dezen tydt door den Heer van Cuylenborch afgevaardicht zynde naar Holland, wierd hy door de Utrechtenaars op den weg gevan- gen en naar de Stadt gevoert, alwaar hy mee den zweerde ter doodt gebracht is, volgens dit Raadts-
befluit,
(l) Ad Hedaro p. 189.
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
|
|
|||||
|
|
||||
|
|
UTRECHTSCHE 1438.
befluit, des Woensdags na Invocavit genomen:
Want Willam van Dor/chen boven endetegensfynre oirveden ons gedaen mit finen eede, j egellende brie' ve , die by ons nyet gehouden en heeft , ende dairn tegens onfe Stadt ende goede lude mit gewelde ende bloitftortinge tovervallen mit vremden luden tot me- mgen tyden op reyfe ende wegen dit te doen ge-weeft beeft, dat God verbuet heeft, alfo by felver dat be- liet heeft , ende fyn belyenge mit fym f'elfs bant ge- Jer even heeft, dairomme felmen dat rechten aenjyn
hff-
Des Donderdags na Margarete heeft de Raadt,
overeenftemmig haare voorrechten ende vryhc- den , verflaan , fo wie enigen borger van Utrecht bef preken -wil, dat fel hy doen voor den Rade van der Stadt, ende nergens anders. (i)
In dit jaar zyn 'er oneenigheden ontftaan tus-
fchen den BifTchop en die van Emmenefle, welke zoo hoog gerefen zyn , dat de BifTchop genoot- zaakt is geweeft (dewyl die van Emmenefle wei- gerden de uicfpraak daar van over te laten aan de drie Staten van den Lande) volk van wapenen by den anderen te doen komen, om hen tot reden te brengen. Waar over de gefchillen geweeft, en hoe dezelve geflift zyn , hebbe ik niet kon- nen nagaan, maar alleenlyk daar van gewag ge- maakt gevonden in het Buurfpraak-boek des Woensdags na Bartolomei in dezer voegen: Want die van Emmeneff'e boer faken tegens onjen Heer van Utrecht niet bliven en 'willen aen den dryen Staten van den lande, fo fyn onfe Kade out ende nye over- dragen , dat onfe Stat onfen Heer van Utrecht die- nen
(O Ziet hier van breederMattt. deNobilit.lib, ii.cap, 14.
en Utrechts Placcaatb. III. Deel, bhdz.z;?. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
1438. JAARBOEKEN. 499
nen muitten op die van Emmeneffe , geliken hy gebe*
den heeft (i), dairom laaernt den Raet ende ver- biet allen onfen borgeren ende onderfaten , dat nye- mant daer in den velde , of anders tegens onfen Hcier van Utrecht , of tegen onfe Stat, Raderende Inden goede , die van Emmeneffe hulpe of biftant en doe , noch die van Emmeneffe en voerftae in enigeï ivys , totter tyd toe , dat die van Emmeneffe voiifcreve boer faken tegens onfen Heer gebleven fyn (fen den drien Staten voirfcreven. Ende ixaer yemfint , dis bieren tegens dede , die fel verbueren tien jaer die Stat , ende een mile van der Stat te wefen.
De Graaf van Meurs veel volks by den anderen
verzamelende , om daar mede ter hulpe van zynen Broeder in het Neder-fticht te vallen, heeft de Raadt dezer Stadt , daar van kenniiïe gekregen hebbende , nevens de Steden Amersfoort en Rhe-r nen, en het gantfche Gerticht, befloten , dezen aanval met alle hunne macht te helpen wederftaan, en ten dien einde des Donderdags na Lamberti opentlyk by klokluidinge den volke dit navolgen- de bekent gemaakt: Die Rade van der Stadt oude |
|
||||
|
|
||||||
|
|
(i) Geletien beeft. Dit moeft de Biffchop doen , wilde hy
byftant van de Stadt hebben , vermits dezelve niet verplicht was den Biffchop te dienen ofte volgen buiten haremuren, ten ware zy het wilden doen met haren vryen wil, volgens d« verklaringe van Biffchop Hendrik in den jare izfo. gedaan, te zien by Buchel ad Hedam p. 219. welk zonderling voor» recht Biffchop Ghye van Henegouwen in den jare 1 30». na. der bevefticht heeft. Ziet Buchel. ad Hedam p. zj<. e» wan. neer de Stadt de Biffchoppen volk gaf om mede te velde ta trekken tegens zyne vyanden , waren de Bi/Tchoppen gewoon eenen brief aan de Stadt uit te leveren, waar by zy verklaar. den , dat de Stadt zulks van rechte gunfte en niet van eenig rechts wegen deden. Voorbeelden daar van konnen gezien worden by Matth. lib. 111. deNobil.cap.l. en de JureGladii, plg. 128»
\\ 2
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
5oö UT RECHTS C HE 1438-
ende nywe loaarnen ende laten weten allen onfen
lor geren ende onder/aten, dat fy van lieven vr enden gewaernt fyn , dat die Muerjcbe bidden ende ben ftarken , om in onfen Sticbte ende lande te comen, onf'e koern alhier geivajfen te verbernen, dat lant te befcbadigen ende tovervallen mit gewelde, dat on/e alinge Stadt, die Stadt van Amerrfoirde ende van Renen, mit alle onfer ende hor e machten, ende mit alingen den Gefticbte, mitten clockenflage, by der ge- naden ende hulpe van Gode, -weeren ende weder ft aan willen, ende des Gefticbtes palen befcbermen. bier omme laet dieRaet voerfcreve out ende nywe weten, ende 'gebieden allen onfen borgeren ende onderfaten voirfcreven, die twintich jair out fyn ,odairn bo- ven , ende van out heiden off" anderen boren gebreken nyet binnen ge/creven en fyn te bliven^ dateenyge- lick van hem fyn barnafcb rede maken ende rede hebben, om als men die banclock jlaet, dat eenygelic rede fy , ende onfen Overften ende Homans volge, dair/y mit onfer Stadt ende volckevoirtrecken feilen, ende dat elc hem fel befaten tot provande tot drien dage: ende dat hem dair nyemant ynneenverfüeme Off en verlegge by enen koer van vyfticb ponden, en- de dien koer nyemant te verdragen, ende dien koer feil een ygelic,die hem bierynneverfwmde^brengen op onfer Stat kifle: ende ivaer yemant, die buten onfer Stat toge , of wt ivaer , ende niet yn en quaetn, ende mede toge die Jél verbueren den /elven koer.
Volrt gebiet die Raet alle den genen, die binnen
onfer Stat, ofte Stat vrybeiden wonen, die per den ende wagen hebben, dat fy die rede maken, boir per - den voederen ende rede fyn om onfer Stat dair meds te dienen in der rey/èn voirjcreven, c Ende des gelycx by beveel ons genedkbs Heren
van
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
1438. J A A R B O E K E N. 501
van Utrecht, fynre raden ende vrienden, ende ons
Raets voirfcreve, felmen bieden, ende die Panders ende Boden dair omme wtJenden overal in den lan- de , dat alle lantlude hoir wagen ende per de rede maken, voederen ende rede hebben, ende binnen on- Jer Stadt comen, ende on j er S t ad t ende-gueden lu- den dienen, als men hem dat J eggen J el.
Uit dit opraerkelyk befluit kan men opmaken het
gezag des Raadts over hunne borgeren en ingeze- tenen, ter weeringe van alle vyandlyke ondernee- mingen, niet alleen tegens de Stadt,maar zelfs te- gens het platte landt, welke willig en zonder eenig tegenfpreken aanilonts op het bevel hunner Rer geerders bereit waren om den gemeenen vyand het hoofd te bieden.
Om dezen tegenftantontzachelykertedoenzyn,
hadden de Overften dezer Stadt de Ridderfchap aangefproken , om het hunne toe te brengen terwe- derfland van den gedreigden inval, welke hier op zich ook verbonden heeft om het Geftichtmcde te helpen befchermen tegen alle vyandlyk gewelt. Dit heeft de Raadt des Sondags op S. Matheus dag opentlyk bekent gemaakt in dezer voegen: Die Rast laet weten enen ygeliken , alfo die Ritter/cap alhier gebeden vaaeren by onfen Qverften te comen, om raets te nemen onj'e lant te befcbutten , hebben die Ritterfcap by onfen Over ft en geweeft, ende hem guetliken geantwoirt, dat fy dat Sticht mit hem gerne willen belpen befcudden voir die gewelde. En ichoon op den zelven dag de Raadt gelaft hadde, dat ieder zoude letten op het (laan oer banklok , om, als die voor de derde reize gehoord wierd, uit te trekken , en dat alle, die met wagenen op ont- boden waren, zich op de Neude zouden laten vin- den, en dus alles bereit was tot den uittocht,zoo
I i 3 vinde
|
|
||||
|
|
i
|
|||||
|
|
||||||
|
|
||||||
|
|
.
|
|||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
UTRECHTSCHE 1438.
vinde ik echter niet, dat dezelve van gevolg is
geweefl.
Eer ik bier van affcheide, moet ik noch aan-
merken , dat, fchoon ieder , die Wagen en paer- den hadde, Verplicht Was dezelve gereet te heb- ben , om in den uittocht te dienen, op een zeker gering loon, echter die alle niet mede te velde zyn getrokken; maar alleen zoo veele wagenen en paerden, als de Raadt nodig oordeelde tot den voor- genomen Veldtocht dienftig te zullen zyn , welke nevens der Gilden wagens het heir volgden; en indien de benoemden tot den uittocht met hunne wagenen en paerden ter bellemdertydt niet gereet waren , of dezelve tot eenig ander werk gebruik- ten , verbeurden zy vyfcig ponden.
Eer ik tot het volgende jaar overga, moet ik
kortelyk melden, dat Jan van Treflong, Canonik van Oudemunfter, met bewilliging van het Capit- tel van Oudemunfter,de aanzienelyke Heerlykheit van Stem by ter Goude gelegen , met alle zyne rechten, hoge en lage tienden, veerlaan, fwaati- dreven, en renten, fprekende op de inwoonende Regulieren , aan de ftede van ter Goude in erf- pacht den 15. April dezes jaars verkocht heeft voor 2800. Rhynfche guldens, (i)
_
1439'
In den jare 1439. zyn deze volgende tot de Re-
geering der Stad t verkoren.:
Sche-
(i) Ziet Walvis Befchryv. ran ter Goude I. Deel. blad*.
. en II. Deel bladz. 122. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1439- JAARBOEKEN. 503
.
Schepenen.
Pelgrim de Wael.
Willem van Winfen. Godert Coninc, Borgermeefter. Steven van Nyenvelt. Jan Proys van Lichtenberch. Henric de Wit. Reynier van Tetwyc. Adriaen van Landscroen. Jonge Vrederic van Drakenborch. Jacob van Amerongen. Timan Nypyfer. Ghifebrecht van Ryfenberch de Jonge.
Raden.
Jan van Clarenborch.
Geryt Knyff. Wouter van Cleve. Jacob Martens zoen. Henric Jacobs zoen. Peter Call. Johan Taets. Braem van Luttikenhuys. Jacob Proys, Borgermeefter. Jan Rwfch Peters zoen. Jacob van Winfen. Jacob Veen. Dirc Hafert. Jan van Hamerfteyn. Aernt Hoet. Reyner Aernts zoen. Geryt van Vlueten.
T,
I i 4 Roe- |
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
tt T'-IHE C'-WrT S C H' E 1439-
Roelof Tymans zoen.
Gysbert de Grutër, Jan Schot. WillemBloc. Willam van Boelre. Tyman Dedel.
Eerft Taets.
ES njsvjïrettW
Otidermannen. i«*b<
-Av&ndü's rr;-i{isW
Braem van Lichtenberch. -, w,.<vi,
Philips van Gruenevelt. > Wa»'M<%, , Claes Sys. -, c. . , Henric Knoep. » ^niders' JacobSchrodekyn.-ï Rn. Willem Proeft. * -a ' rï* WillemvanderWoirt,-» ^ , , Geryc Beernts zoen. * l' Faes vanden Paffche.-, T vPWPVp, DircGysbertszoen. > Lynnewevers,
Henric van Loenreflojt. ? T, ^
Dirc Tymans zoen.
Meyfter Jan. i TT-^LI -' t'^N-'
Gvsbert Lichtenap. > Vifchkopers.
Herman Claes Vranc zoen, -> Touwers
Geryc van der Ae.
Willam de Verwer. -, Wollewevers
Aernt Liborts zoen. J |
|
||||
|
|
||||||
|
|
Lordewyck de Waell. T MarUuden
Godert Coninc van Voirde. f m
Aernt van Tyell. > BotteriU(jeni
Claes Rolufs zoen van Valkendael.
Roloff uten Elsweert. > Cór(jewaniers
Jan van Hameleqberch, ' C01 ers'
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|||||||||
|
|
f $39, J A A R B O E K EN.
} OudecordeWanier, |
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
;
|
||||||||
|
|
|||||||||
|
|
Godfcalc vanWinfen. -, /^. i
Willem Schrodekyn. > ^raeuwerkers.
Geryc de Keyfer. -, n ,<; j '>»,. f «f T ~
Willam van Gent. } Ry^fmders.
Evert Elyas zoen. T B ,,
Splinter Egberts zoen/ övlhouwers- Geryt van Boemel. i cm j Willem Geryts zoen. *' Willem Jans zoen. - y0/i0iQ; |
|
|||||||
|
|
SandervanHeemfteden.-*
-9^"I
Ik heb hier voor reets aangemerkt , dat de bor-
gers verplicht waren binnen de Stadt te woonen op verbeurte van hun borgerrecht , op dat zy in tyden van oorlog de Stadt zouden konnen dienen en helpen befchermen tegens alle vyandlyke aan- vallen. Het is echter wel gebeurt , dat hier van afgegaan is , waar van ik een voorbeelt gevonden heb in het begin van dit jaar, in 't welk op den dertienden avont toegeftaan is aan Melis ut&tv £»- e te woonen op zyn huis in Langbroek, en zyn orgerfchap te behouden , onder voorwaarden , dat hy allen dienft aan de Stadt en zyn Gilde doen zal , als of hy hier binnen woonde v en ofhy t'eniger " tydt in de Stadt geeifcht wierde , dat hy dan aan-» ^ ftonts komen en blyveh, en de-Stadt dknèn aou^ ?H l i 5 de, |
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||
|
|
||||||
|
|
5o* UTRECHTSCHE 1439.
de , als een borger fchuldig is te doen. (i)
Op verzoek van Schepenen is voor der Schepe-
nen bank gemaakt een bank, waar op twee man- nen teffens konden ftaan , waar op in 't vervolg van tydt alle, die hun onfchout voor Schepenen zouden doen, zich zouden vertoonen,op dat een iegelyk het afleggen hunner eeden zoude konnen zien en hooren.
Ik heb hier boven bladz. 95. te voorfchyn ge-
bracht het goecvinden des Raadts dezer Stadt, waar by zy hare borgeren verboden hadde zich in andere Heeren of Vrouwen dienft te begeven. Waar uit men licht kan opmaken, dat de borgers vrye luiden moetende blyven , ook zulks voor al plaats moefte hebben by die geenen , welke tot leeden van den Raadt gekoren waren., Dit was
ook
(i) Een aanmerkelyk voorbeelt liier van hebbe ik al gevon-
den in den jare 14.03. zynde niet alleen Vrederic van Dra- kenborcb , om dat hy op het verzoek van den Raadt zyn huis Drakenfteyn, aan het Gefticht hadde opgedragen, maar zy- ne nakomelingen , ja zelfs die daar na op het huis zouden wonen, vergunt hun borgerfchap te behouden. Al te merk- waerdig is des Raadts befluit om het niet op te geven. In 't jner van xlin» ende drie op ten vyften dach in September wart overdragen mit out Raet ende mit nyaie. Want Vrederic van Drakenborch zyn huysgbebeten Drakenfteyn, gheleghen in Aen wilden baen in den kerfpel van Baarn , opdroech den Ghe- jlicbte van Utrecht, om dat tv)s aen hem begheerden, zo heb- ten tui hem weder gheconfentiert , ende gbeoorloeft, dat hi of zyn nacomelinghen, ende die gbene die borgers t'Utrecht fyn , ende op zine voerfcreve huze ende lande evaenen, hoer borgkerfcap verwaren ende behouden mogheti. Maar zo wan- neer dat zi daer afvaren, z.» nellen zi binnen iaën daer na binnen Utrecht comen mitter woene,ende en dade zidesnyety zo waren zi hare èorgberfcaf tpwyt. In den Jare i^fO. vry. dags na Purificatie Mariae is Steven van Nyevelt, ook tóe- geftaan op zyn huis te Vleuten te wonen > en zyn borger, fchap te behouden, ziet Matth. de Kobiliti lib.u. cap. 14. |
|
||||
|
|
||||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
1439- JAARBOEKEN. 507
ook van oude tyden af in acht genomen, en ze-
kerlyk een krachtig middel ter behoudinge hun- ner vryheit; 't welk zoo verre ging, dat luiden leen- plichtig aan andere Heeren wordende , uit den Raadt geweerd wierden. Dus vinde ikineenoudt boek, liber albus genaamt, dit aangetekent: Om dat Haer Joban van Lewenberch, Henric van Le- wenbercb zyn broeder, Har man van den Rine,jfo' ban Uterweerde ende Ghifebrecht Ghifcbrecbts Gun- ter s fone, manne geworden fyn des Gravenvan Hol~ lant, J o fyn ft eivelic uier Stat Raed geleyt bi oud Raed ende bi nywe , ende bi ghemeenre morgen- fprake van allen gbllde. Dit gefchiede in'; jaer 1424. Doch hier in eenige indracht gekomen zyn- de, en de Raadt willende dat zulks in het toekomen- de ftiptelyk zoude worden nagekomen, heeft des vrydags na Viti & Modefli dit befluit genomen: Alfo onjè oude rechten ende goede gewoenten fy n, ende over lange jaren geweeft hebben, om on/er Stat te vryer te mogen raden , ende die rechten te bet te vynden , dat geen man van on/én Rade , oude ofte nye , eniger Heer ofte Vrouwen , jonker ofjonc- frouiven , rade ive/èn , noch hoer clederen off" ca- froen dragen en feilen , dat wyltyts verdwaelt is geweefl; fo willen die Rade oude ende nywe die oude buer goede gevooente alfo houden, ende fyn over dra~ gen, dat van defer tyt voert geen man, die enicber Heeren , Vrouwen, Jonckeren of Joncfrou-wen ra- den fyn , ofte hoer clederen ofcaproen dragen, in onfer Stad Rade voer Scepen, Rade, afvoer Ou- der manne niet comen en feilen: ende dit felmen een ygeüken vragen by flnen ede op onfer Vrouwen Licht- mifleavont) alsjy te rade gecoeren fyn. (i)
Zeer
(i) Dit befluit is ook door Matthaeus aangehaalt lib. iv.
de
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
5o8 UTRECHTSCHE 1439-
Zeer zorgvuldig waren ook de Regenten van
dezen tyd omtrent de rydinge van het brood, op dat het gemeen in deszelfs gewichte niet verkort zoude worden. En om niet alleen aan de twee Oudermannen , maar ook aan de Schepenen en Raden , welke uit der Bakkers gilde leeden des gemeenen Raadts waren, alle gelegenheit te be- neemen , om ten hunnen voordeel de rydinge te doen zetten, heeft de Raadt daar in voorzien door dit befluit in de maand junius genomen: Soepen, Rade ettde ^Oudermans fyn eendrachteüc overdra- gen , dat van defe tyt voert geen Scepen, Rade, Qudermatis van den Backer gilde daer over , off" daer by , wefen en feilen , noch vervolch daer om doen en feilen , heimelic noch openbaer , daer die Rade ge jet totter rydinge van den brode, die rydin- ge den Backeren geven feilen , noch daer om bidden of Schenken, off enige hoer raet daer om doen, om die ridinge te Jet t en , te lichten, ofte bejwaren by hem , o/~ by yemant anders ; mer der Backer Sce- pen, Rade ende Oudermans feilen boeren bode jen- den aen den Rade van der Stat totter rydinge ge- fet, ende die Rade feilen der Backer bode die ry- dinge geven na der marföen. Ende enich Scepen , Raet, of Ouderman van den Backeren, die biern tegens dede , die Joude van diere tyt voirt tvt on/en Stat Rade ivefen, ende dair nyet te Rade comenbin nen twee jaren dair naeflcomende : ende hier feilen die Rade van der Stat die Rade totter rydinge gefet om ede, offy enige gebreke, ende aen vuien, hierynne meten off vernemen, om dat den gemene Rade byte brengen, ftlfo dicke als fys vermaent worden.
leve-
d« Nöbilit. tf. en ftaat ook in het Utrechts Pliccaatboek
III. Deel bladz.7». .
.....
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
1439- JAARBOEKEN. 509
leverig waren ook de Regeerders, om Jn alle
gelegenheden het recht hunner borgeren voor te
aan, en niet toe te laten dat 'er eenige indracht in hunne voorrechten gefchiede. Hier van word in dezen tydt een merkwaardig voorval gevonden in des Raadts dagelyks boek, in welke gewaagt wordt van zes van EmmerieflTe en vyf van Bunfcho» ten, borgers dezer Stadt, aangeklaagt en te recht gedaagt voor den BifTchop over verbeurde keuren. Dit ter kenniiïe van den Raadt gekomen zynde, heeft zy des Maandags na S. Jacob eenparig beflo- ten hunne Overften te zenden ter plaatze,daarde Biiïchop zynen rechtdag zoude houden, en hem te kennen te geven, dat die luiden borgers dezer Stadt waren, verzoekende hen ongemoeit te laten, én hunne zaken te brengen ter befliflinge en uitfpraak van den Raadt, die goet recht over hen zoude doen: en waren de Overften gelaft, indien tegen dit verzoek eenige rechtsvorderinge op hen ge- fchiede , te verklaren, dat de gemeene Raadt de hoeftheer van deze hunne borgers zoude zyn, dat' is te zeggen , dat de Raadt hunne zake voor hare rekeninge nemen , het ongelyk deze aangedaan achten hen gefchiet te zyn, en deze borgers be- fchermen zoude tegens alle recht-oeffeningen, die raen ftrydig met hunne voorrechten ondernemen zoude. Ik twyffel niet, of deBifTchopzalhierinde meeninge des Raadts opgevolgthebben,dewyl'er in des Raadts boek geene vordere meldinge van ge- maakt wordt, en zekerlyk de Raadt, in dien de Bis- fchop aan dit verzoek niet voldaan hadde,dë Zaak' vorder vervolgt zoude hebben, dewyl zy verplicht was de voorrechten hunner borgeren, die nergens dan voor den Raadt dezer Stadt in reehten konden betrokken worden, ongefchonden te bewaren.
Mo-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
510 UTRECHTSCHE 1439.
Mogelyk zal iemant, dit lezende, denken, hoe
konnen deze luiden van EmmenefTe en Bunfcho- ten Borgers genaamt worden, daar ik hier voor hebbe aangetekent,. dat de borgers, wilden zy hun borgerrecht behouden, binnen de Stadts muren moeften woonen? Doch men moet weten, dat in de Stadt Utrecht veele borgers waren, die land- goederen hadden, en die gewoon waren ten tyde des oogftes zich daar op te begeeven ter inzame- ling van koorn en granen, welke na dien tydt we- derom Stadtwaerts trokken , alwaar zy hunne fte- dige , dat is vafte, woonplaatfe hadden. En dus zullen deze borgers zich ten dien einde te Emme- nefle en te Bunfchoten te dezer tydt opgehouden hebben.
Ook is de Raadt zeer oplettende geweeft om
de ruft in hare Stadt te bewaren, en voor te komen al 't geen die zoude konnen fleuren. Ten dien ein- de heeft de Raadt gewild, dewyl de Geeftelyken het niet zeer eens waren, en het te duchten was, dat die verfchillen van gevolg zouden zyn, dat ha- re borgeren en ingezetenen zich daar mede niec bemoeyen zouden , hier toe dit befluit des don- derdags na Lamberti genomen hebbende: By out Raet ende by nywen 'is eendrachtelic overdragen , al/b ons nyet dan rufte ende vrede In onfe Stat jon-, derlïnge witten eerweer de ecclefien ende den geefte- liken heer en te hebben en geboert(i}, noch onston- deriainden , dat in onfen beminde nyet en is, zyn die Kade out ende nywe eendrachtelic overdragen, ivaert dat eenïch opjïaen ofte onlede geviele tuffcben die ecclejten onderlinge , dat God verhuede , dat dan dair geen borger ofonderfaet, ojFenicb ander
weer-
(l) Pat is j naar den fiyl van dien tydt, behoort.
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
H39- JAARBOEKEN. 511
weerUc per/ben aen deen fyde ojf aen dander fyde,
off'yemant anders dair toegaen ofte jenden en fei- len , yemant van beyde fyden te vorderen , off t» helpen, te raden , off te binderen in enigwys, ende enich borger off onderfaet, die dtt verbrake, die fel verboeren feven jaer onfe Stat, ends een meyle van onfe Stat te ive/èn : ende quaem by dairn binnen der-wylen, ende die Raet dat t her waerheit vernam, joude men hem die Stat verbieden vyfticb jair op fyn
hff'-
Om geene vyanden van buiten op haren hals te
halen, heeft de Raadt VrydagsnaaflumptionisMa- riae overdragen: Alfo ons, noch geenengueden Ste- den, off den luden tboir te nemen , off dat van den en/én ofte van den hoere te lyden , off dat geroefde goet te vercopen, offtebruk.cn, en geboert, ende on/é oude rechten dat oec verbieden , fyn die Rade out ende nywe overdragen ende verbieden allen on~ jen borgeren ende onderjaten, mannen ende wiven, dat nyemant op ter Zee , of op enige andere Stro- men e ft e landen en rove,off"den Inde tboer en neme, noch hiern brengen, noch en vercopen, heymelic noch openbair, nocbte bier en verfteke in eniger wys. en- de enicb onjé borger off onderfaet voirfcreve, die dit verbrake op ter Zee, off op andere Stromen, off in enigen anderen Landen, den gueden hem guet roef- den , namen, off enige geroefae gueden bier brocb. t m off'vercoften, diefal verboeren elc onfe Stat, en- de een mile van der Stat te bliven tien jaer lang.
Voirt enicb man ojfwyff'voirfcreve, die de/ege~
reefde gueden hier baelde, brocbte, vercofte, cofte, pangelde ofte hadde , ende die Raet dat tber <waer~ heit vande , ojfvername , die feilen elcx verhoren vyfjaer onfe Stadt, ende een ntyle van der Stadt te wefen.
Pon-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
5,t UTRECHTSCHE 1439.
Pontanus en Slichtenhorft verhalen , dat te dezer
tydt die van Hattetn, Elburg en Venlo hebben ge- klaagt aan den Hertog van Gelder over de fchaden, hen door de Stichtfchen, en voor al door die van Deventer en Swol, zoo in de opentlyke Marktda- gen als anderszins aangedaan. Of zommige Utrech- tenaars hier mede deel in gehadt, en dus gelegen- heit gegeven hebben tot net nemen van het zoo even gemelde befluit, dan of dit zal gezien hebben op den oorlog, die te dezer tydt tuflchen de Hol- landers , Zeeuwen en Vriefen, tegens de Oofterfche Steden te water gevoert wierd, en by welke gele- genheit ook de Vlaamfche kutten onveilig wierden gemaakt (waar van de Hollandfche Schryvers, en voor al Gouthoeven, bladz. 461. gewagen) en dat de Raadt niet gewild heeft, dat hunne borgerenen ingezetenen zich daar in zouden laten gebruiken, hebbe ik niet konnen navorfchen. De voorge- noemde Schryvers , Pontanus en Slichtenhorft , voegen 'er ookby, dat de Geeftelykheit van Wal- burg :e Arnhem misnoegt geweeft is op die van het Sticht, hebbende tegen de oude verdragen toegeftopt de Luntcrfche beek, door het leggen van eenen dam in dezelve, waar door het water, 't welk zich over de Stichtfche Landen pleegde te loozen, den Spakeler akker , hen toebehorende, overftroomde.
Ook is in dit jaar eene groote fterfte onder de
menfchen in het Gedicht geweeft, volgens het ver- haal van Veldenaar, en getuigen de voorgemelde Gelderfche Schryvers, dat eenebefmettelyke peft- ziekte veele menfchen in het graf gefleept heeft.
Ik moet niet vergeeten, eer ik tot het volgende
jaar overgaa, te melden, dat in dit jaar gewag ge- maakt wordt van toveryen, die binnen deze Stadt
in
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
J A A R B «0 -E K Ê R.
an fwang gingen, en gepleecht wierden van man-
nen en vrouwen, en dat de Raadt by klokluidinge het toveren heeft doen verbieden, onder verbeurte van een jaar uit de Stadt te zyn, met byvoeginge van deze reden, want dat tegens bet heilige geloof is. Voorwaar eene geringe ftraffe, dewyl de Raadt erkende zulks te ftryden tegens het heilige geloof, en in vergelykinge van die geene, welke in andere Landen en Steden geoeffent wierd, in welke veele befchuldigde, door wreede pynigingen gemartelc, bekent hebben verfcheide Satans konftenaryen te hebben gepleecht, en jamraerlyk om het leven zyn gebracht. ,
:: " . ' .
.1 440.
In het jaar 1440. heeft de Regeering beftaaa
uit deze navolgende perzonen:
Schepenen.
Dirc van Houdaen, Borgermeefter.
Aernt van Amerongen. .
Jan van Lichcenberch.
Eerft van Herdenbroea. «,.
Jan Sloyer.
Jan Trinde.
RoetartvanLantscroen.
Jan over die Vecht.
Jan de Comnc,
Ghifebrecht van Vlueten.
Jan van Drakenborch.
Jan de Wael.
vi U '
^i. K K Iv.»*
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
5i4 UTRECHTSCHE 1440.
Raden.
Jan Zittert.
Dirc de Jonge.
Pouvvels Scrodekyn.
Rutger Claes zoen.
Reynier Uten Harame.
Jan Grawert Wouters zoen.
Vranc Goderts zoen.
Willam Holl.
Lubbert de Waell.
Jan van der Meer.
Gysbert de Wolff van Hamelenberch.
Henric van Apcoude.
Jan Woutman.
Willem van Snellenberch.
Reyner Modde.
Dyric Boll.
Jacob Tymans zoen.;
Henric van Gent.
Peter Stevens zoen.
Eerft Jans zoen.
Bertelmeus van Nyevelt.
Henric de Hafe.
Rotairt Proys, Borgerméefter.
Huge van Gruenenberch.
Oudermannen.
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
Henric Hafert. 7 n ,
Jan de Lange. > Backer5'
Geryt
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
--------------------------
|
||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
1440. JAARBOEKEN. 515
Geryt van Maerfen. > M0ienaerSé
Willam van Kriekenbeec/ |
|
|||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
»
|
||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
Lubbert van Gruenewoude. TT-
Willam van Yngep.
Henric Jacob Dirix zoens zoen.-^ Wollewevers.
Wouter Stevens zoen.
-
|
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
Cordewaler,
|
||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
Dirc Grawert Huge zoen. -, Corenconers
Huge Bertelmeus zoen. * <~orencopers.
Evert Rwfch. } Steenbickers.
Jan van Aulen. * |
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
Jacop Dirix zoen. } Graeuwerkers.
Simonvan leylmgen.J
GysbertLauwerenszoen. } R f d Jacob Pot.
yillem Aernts zoen. (i) } B lhouwers.
Jan van Jutfaes.
Jan
(i) Deze word in des Raadtsboek vrydags n» Pinxter dag>
genoemt Qverflt Ouderman.
Kk &
|
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
||||
|
|
UTRECHTSCHE 1440.
Jan Rwfch. i c«
WillamTielmanszoen/Smeden-
Geryt Matthys zoen. -, 7adeiaars Jan Claes zoen.
Ik heb hier voor bladz. 366. opgegeven het
foetvinden des Raadts omtrent het ampt van der
chepenen Schryver , of Secretaris van het Ge- recht , waar na hy zich moefte fchikken in het waarneemen van die bedieninge. In dit jaar heeft de Raadt zich daar omtrent nader verklaard, en op S. Agnieten avont hem voorgefchreven,dathy zich onder eede verbinden moeft dit volgende na te zullen komen :
Is overdragen t>y out Rakd ende by nywe op ten
Scepen fcbryfampt, dair die Clerk fïnen eedt op doen feil in tegenvaoirdicbeit sRaets , dat aljb te houden ende te doen.
In den eerften, feil die Stadt hebben jairlix ut en
fchryfampt na der gevaoente bondert pont Stat pay. (i)
Item dat hem die Clerc geen ding onderwinden
en feil, noch geen dinttale maken , noch raet off' daet dair toe geven in enigen faken, die der Scepen recht ruerende fyn.
Item dair men erfpacht overgeven fel; dair fel
men in den nywen brieffrueren den ouden erfpacht- Me ff, ende die lefte gbifie, die dat guet j air ende dacb befeten hebben, ende die meer overgifte felmen uitlaten, ende fcbriven dat in den nywen brie ff, dat een mit allen rechte gecomen ende geveflicbt is. dat
is
(i) Hier van was dit ampt in den jare 1426. ontlaft, ziet
boven bladz. 523. in den jare 14.74.. u de Secretaris wederom vin deze uitkecringe ontheft. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
H40. JAARBOEKEN. 517
is gemaett om die brieven te corten , ende der ge»
meenre geit te /paren.
Item felmen van een plecbte nemen vanfcbriven
een butken , ende vaat brieven dat meerre fyn, dair fel men afgeven van fcbriven na der beloop, datter veel plechten ynne fyn.
Item dat de je Clerc en geen erfniffe copen en f et*
om voirt te vercopen, of tot yemants behoef.
Item van alle plechten , die nyet langer en due-
ren dan XIIH. dage , feil die Clerc hebben een wit van enen kromftairt, ende des gelycx van elkertey- keninge in den banboec van den verwonnen ende ver- volgden luden milten banbrieven.
Item van alle brieven , die meerre fyn dan een
plechte , feil die Clerc off" hebben voir fyn fchryfgelt alfo voel, als doutfïe Scepen, die collacyt mit enen Scepen, die by by bent neempt, hem toejetten /ellen. Item zo en feil die Scepenclerc nyemants brieven doen fegelen , dan by finen wille j mer den luden ± des begerende , elc fyn brieven geven onbefegelt om fyn fcryfgelt.
Item en fel die Clerc geen Scepen brieven jcbri-
ven, offdoen fcbriven buten den Jcbryfcamer.
Item feil dej'e Clerc finen eed bier op doen dat te
houden ende te voldoen , fonder argelift van allen punten voïrfcreven, ende hem verinilkoeren, ivairt dat by in enige punten voirfcreven brokig wor- de , dat die Scepen, die in der tyd waren , hem dair op bevonden , /o joude by des dienjï qwyt we- feu.
Schoon het uit de rekeningen der Stadts Came-
raars , in vorige tyden gedaan, blykt, dat de Raadt voorzien is geweeft van een geheimfchryver , die . Stadis Klerk genaamt wierd, zoo hebbe ik echter eeril in dit jaar gevonden den laft des Raadts ,
K k 3 waar
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
5i8 .U T R E C H T S C H E 1440.
waar na hy gehouden was zyn ampt waar te ne-
men , hebbende op den zelven S. Agnieten avont haar goedvinden hier omtrent op deze. wyze geuyt:
In den eerjUn van defer tyt voirt, j o en fel geen
man, die der Stat klere we j en fel, nyemant anders djenen, dan alleen de Stat van Utrecht in geeftely- ken of in weerlyken faken.
Voirt fo fel een klere in der tyt op Hafenborcb,
boven of beneden , dair hem die Over (Ie oude ende nywen wy/èn /ellen , een fcryfftede maken , dair hy , of fyn knecht, dagetix zitten ende wej'en zei- len , den Over/ïen in der tyt, ende onfen borge- ren , te dienen tuit fcryft van des fy beboeflic we- fen zeilen.
Voirt fo en fel een Klere in der tyt gheen brie'
ven , j er i ft en , noch boeken thuys dragen, dan op die camer, dair men hem ivy/èn zeil.
Voirt fo J el een Klere koffer en, ende der Stat da-
gelikfche boeken, dragen in fyne fcryfcameren voir- Jcreven, ende anders nergent.
Voirt alle flytinge , die deRaet flyt, et fy Sce-
pen, Raet of 'Oudermans, die mach die Klere tey- kenen in eenre lappe , mer terflont die felve flytinge in den boec fcriven , ende collacien in tegenwoir- dicheit des Raet s, eer die Raet van den hufe gaet, ende die lappe /cueren,
Voirt fel een Klere alle brieve , die hy wtfcrift
aen Vorflen , Heren ende aen Steden een copyboek maken van jair te jair, ende wes anfwoert daiter weer of coemt, fel hy leggen ende bewaren infynre fcryfcameren voirfcreve , al/b dat hy den Overflen in Jynre tyt dair antwoerde ende befcheyt van doen mach.
Fuift desgelyx enige brieven , die gefcreven -wor-
dt |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN. 519
de van Vorflen, Heren of van Steden, aen der Stat
van Utrecht, die fel hy behueden ende bewaren tot beboejf der Stat van Utrecht by goetduncke der Ü- verften, als voirfcreven is.
Voirt alle boeken, privilegiën, brieven ofte fcrif-
ten der Stat van Utrecht aendragende , fel hy in der voirfcreve camer hebben ende leggen , tot be- hoef der Stat van Utrecht ende nergent anders.
Voirt fel een Klere in der tyt den Overflen in
der tyt gehoerfaem ende onderdanich we/en va» des, dat fy hem te doen hebben ende bevelen fei- len.
Voirt fel die Klere hebben van eenen zendbrief]?,
die onfé borger s te doen hebben van vorderfcappen, ende van out s borger s geweeft hebben, een jtuver, ende die ander onjé borger , die binnen thien jaren borger s geworden fyn, ofte onderfaten fyn, feil die Klere hebben twe ftuvers.
Ende alle de f e punt en voirfcreven fel die Klere hou-
den ende nagaen by finen eede, die hy dieKaetdaer van doen feil.
Voirt fo feil die Klere alle j air een tiywe boek ma-
ken.
Ik heb op het voorige jaar gemeld het wys
Raadtsbefluit , waar door luiden in eens anders dienft zynde belet wierden deel in dezer Stadts Regceringe te hebben, By 't zelve was wel ge- forgt, geene der verkorenen, aan een ander ver- bonden , in den gemeenen Raadt zittinge te verleenen. Maar zoude 'er voldaan worden aan het ware oogmerk ,'aa|jelk de Raadt met het vori- rig befluit bedoelde, ? Zoo was het volftrekt noot- zakelyk , dat alle de Leeden van den gemeenen Raadt,de twee jaren Hunner bedieninge vrye luiden bleven, of anders zich ontdeeden van het Stadts Kk 4 be- |
|
||
|
|
||||
|
|
|
|
||||
|
|
||||||
|
|
UTRECHTSCHE 1440.
beftier. De Regeerders van dien tydt, zeer oplet-
tende omhunnevryheitte bewaren, begrepen zeer wel, dat het gevaarlyk was, luiden, in eedt en dienft van machtige Heeren zynde, welke, jaloers over des Stadts welvaren, toeleg zouden konnen maken op haar verderf en overheering , in hunnen Raadt te hebben; en dat uit dezelve geweert moeften wor- den alle, die niet onbelemmert alleen Stadts belan- gens voorftaan,en deszelfs welzyn met all e hunne vermogens bevorderen zouden. Hier om heeft de Raadt des Sondags na Pauli converfio niet alleen het befluit in het voorgaande jaar genomen, be- vefticht, maar vorders gewilt, dat de gekorenen tot den gemeenen Raadt ook zouden zweeren, dat fy binnen tweenjaeren van dien onfer vrouwen dage te Licbtmijje gheenre Hoeren ofte Fr ouwen, Joncke- ren ofte Joncfrouwen, rade werden en feilen, noch boer clederen off boer caproen dragen en feilen ; mer off fy boer rade -wefen, cleder of caproen dra- gen willen, fo feilen fy dat den Rade feggen , ende dan binnen den fsae jaren niet te rade komen, (i)
Holland, Zeeland en Vriesland hadden zedert
den jare 1426. zich de gehoorzaamheit van Bis- fchop Rudolpb van Diepbolt ontrokken , hebben- de eerft Sweder van Cuylenborcb , en naderhant Walraven van Meurs aangehangen. Doch in dit jaar hebben zy zich door toedoen van Hertog Phi- lips van Bourgondien het geeftelyk rechts-gebiet van Rudolpb onderworpen, en heeft Hertog Phi- lips geoordeelt, dat deze fcheuringe ondienftig voor zyne landen was, en daarom des zelfs onder- danen en ingezetenen, in Holland, Zeeland en
Vries-
(i) Ziet Utrechts Placcaatb. III. Deel bhit.jt, enMattk,
iv, de Nobil. 15-, |
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||
|
|
1440. JAARBOEKEN. 521
Vriesland woonende , bevolen , Rudolpb voor
hunnen geedelyken Herder te erkennen, (i)
Dezelve Hertog Philips heeft te dezer tydt, ter
betere verzekeringe van den Diemer-Zeedyk toe- gedaan te maken een bolwerk in platinge aan den Dyk tot Ypefloot, en dat dezelve jaarlyks twee- maal , te weten op S. Odulphus en S. Lamberts dag, zoude gefchouwt worden door een Waarts- man uit Muiden, een uit Weesp, een uit Wees- per-Carfpel, een uit Loosdrecht, en een uit Loe- nen Cronenborchs Gerecht, met den jongden Bor- germeeder uit Amderdam: en wegens het Sticht, met een Waartsman uit Cortehoeven , een uit Breukelen , gezeten in het Gerecht van Nyenro- de, een uit Abcoude, en eenuitNichtevecht. (a) Ik vinde in het Buurfpraak boek van dit jaar, dat de Raadt dezer Stadt hunne borgers en ingeze- tenen geboden heeft, fchuppen, fpaden en ander gereetfchap te maken, om daar mede de graft bin- nen de Stadt te graven en te maken : en des Don- derdags op S. Marie Magdalenen avont opentlyk by klokluidinge heeft doen afkondigen dit navol- gende : De Raet laet enen ygelickefn weten, alle den genen die in on/er Stat wonachticb zyn , die onder tzefticb en boven twyntich jaren 231», dat zy in bo- ren verendelen, daer fy ingefchiet fyn, in der gref- ten arbeyen feilen, als hem in boren verendelen een weet gelaten ivert, by enen koer van tien ponden ; ende defe koren en fel men nyemant verdragen, ende bier en fel nyemant in verfcoent vjefen, et fy dat fy van den Kade fyn, of der luds knechten, die om boer
loen
(l) Ziet Gouthoeven bladz. \6t. en Kemp Befchr. van
Gornichem bladz. ar?. (i) Ziet Utrechts Placcaatb. U. Deel bladz. 4.
Kk 5
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
UTRECHTSCHE 1440.
ken dienen; tner die Raet die gunt hem-, die dair
felve niet in en willen, dat fy enen barden man in bore Hat zetten.
Foirt je gebyet die Raet in den ver en delen, daer
men grevende is, dat men daer geen ambachten doen en fel, dat gr even en is geüaen, by een koer van tien ponden, ende defe koren en j'elmen niemant verdra- gen.
Uit dit Raadtsbefluit kan men opmaken het groot
gezag des Raadts over de inwooners dezer Stadt, om hen tot het vervaerdigen en maken van wer- ken , tot gemeen gerief en welzyn gefchikt, te gebruiken. Ook moet ik den Lezer berichten (de- wyl in dezelve gewag gemaakt word van vieren- deelen ~) dat de Stadt oudtydts verdeelt geweeft is in vier deelen, welker eerfte bepaald was van de Tollefteeg-poort tot de Smee-brug , het tweede van daar tot het Stadthuis, het derde ftrekte zich uit van hetStadthuis totdeVie brug,enhetlaatite van de gemelde brug tot de Weerd poort, alle met hunne (tegen en dwarslh'aaten, tor aan de Stadts wallen toe , zynde over ieder dier vierendeclen twee Hooftmannen geftelt, welke Hooftmannen van de vier vierendeelengenovmi wierden. En niet zonder goede redenen was deze verdeelinge inge- richt en zoo gefchikt, op dat in tyden van brand, oploop, aannaderingen der vyanden voor de Stadt, en diergelyke voorvallen, op het luiden van de banklok, ieder weten zoude waar hy zich bege- ven moeit, om de nadere beveelen van den Raadt aldaar af te wachten en te helpen uitvoeren, waar van wy in het vervolg veele voorbeelden ontmoe- ten zullen.
Voorts heeft het zyne bedenkelykheit, welke
gracht wy hier te verltaan hebben, de oude of de
nieu-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
JAARBOEKEN.
nieuwe ? Niet de oude , om d,at die even na den
zwaren brand, waar door de Stadtin het jaar 1148. voor de tweedemaal genoegzaam vernield was, ge- graven is, om water in de Stadt te hebben ter blus- linge van branden,welke in het vervolg vantyden zouden mogen voorvallen, waar van Veldenaar, Jan van Leyden (i), Beka, en Heda in hetleven van Biflchop Herebertus meldinge maken. Want fchoon de laatfte getuigt dat 'er, te dier tydt grachten gemaakt zyn, zoo merkt echter de geleerde Heer Buchel daar op aan , dat 't zelve alleen maar ver- ftaan moet worden van de oude gracht, dewyl de nieuwe langen tydt daar na eerft gegraven is. Ik wenfchte wel, dat die oudheitkundige Heer ons- een recht bericht hadde nagelaten van den tydt, in welke deze gravinge voorgevallen is. In zyneaan- tekeningen op Beka fielt hy dezelve twee hondert jaren, en in die op Heda hondert en twintigjaren later dan die van de oude gracht, en fchoon hy belooft te zyner tydt nader daar van te zullen han- delen , zoo vinde ik echter niet, dat hy aan deze beloften voldaan heeft. Indien wy ftellen, 't geen zeer waarfchynelyk is, dat de nieuwe gracht, om dezelve reden als de oude gracht, te weeten ter ge- reeder bluffinge des brands, gegraven is, en wy het laatfte gevoelen van Buchel aanneemen , zoo zal, indien wy voor hondert en twintig hondert en dertig jaren ftellen,miflchien daar toe gelegenheit gegeven hebben degrootebrand, genzamt fFyfèens bfiwd t . voorgevallen in den jare 1279. waar door S. Pie- ters, S. Jans, de Buur, de Minrebroeders en S.
Ca-
(i) By Matth. torn. n. Analeft. p. 313. Annales tfovef-
cenfes apud Martene torn. iv. Colleft. Veter. Script, p. 6<Sj. flellende dezen brandt op het jaar u f6. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
UTRECHTSCHE 1440.
Catharine Kerken , met een groot gedeelte der
Stadt zyn verteert, waar van Heda en Veldenaar in het leven van BifTchop Jan van Naflau ge wagen. Doch indien wy onze toeftemminge geven aan het eerfte,zal daar toe miflchien aanleidinge gegeven hebben de brand op S. Odulphus nacht in het jaar 1372. ontftaan, op welken tydt, volgens het ge- tuigenis van Veldenaar,in het leven van Bifïchop Aernout van Hoorn, omtrent vier hondert huizen in de Stadt door de vlam vernield zyn. De Bur- germèefter Booth, een groot onderzoeker en zeer kundig in de oudheden dezer Stadt, verzekert ons in zyne korte befchryvinge der Stadt Utrecht, ach- ter de Gaart, door den grooten konftenaar Saft- leven getekent, en in den jare 1648. gedrukt, en door den Heer van de Water in het beginvan het derde deel van het Utrechts Placcaat-boek ge- plaatft, dat de gravinge dezer nieuwe gracht om- trent den jare 1300. begonnen, en omtrent hon- dert jaren daar na voltooit is. Uit eenen brief, door de Regeerders dezer Stadt aan het Capittel van Oudmunfter in den jare 1391. uitgelevert (i), blykt, dat derzelver voornemen geweeft is, om binnen driejaren eene gracht te graven, welke aan den Plompen toorn zoude uitkomen, waar toe het Capittel van Oudmunfter, dewyl ze langs den Ou- dendelle (2) zoude lopen, een hondert en vyftig
gul»
(i) Ziet dezelve by Mattb. Fundat. Ecclef. lib. 1.1. p.6ot
en torn. v. Amleft. p. yz8.
(z) Ik heb hier voor bladz. 73. volgens het voorgeven van
Buchel aangetekent , dat het gedeelte van de Stadt van de Tollefteegpoort tot de Wittevrouwenpoort , alzoo genoemt was. Doch met betrekking tot het Capittel van Oud- njunfter onder wiens beheeringe de Oudedelle lag , moet men hier begrypen de ftreek van S. Servaas af tot aan d» Faulusbrugge-toe, volgens het gevoelen van Matthaeu» lib. i. Fundat. Eccl. 16. p. jj6. en Jj8. |
|
||
|
|
||||
|
|
||||
|
|
H4o. JAARBOEKEN. 525
f uldens zoude leenen; doch indien bet werk binnen
ien bepaalden tydt niet vorder dan voor S.Pieters ameyde gebracht wierdt, zoo zoude het voorge- noemde Capitcel maar een honden guldens daar toe geven. Ik ftelle vaft, dat de gravinge op de- zen tydt begonnen, en door den Oudendelle ge- vordert is, om dat ik in het Rofeboek gevonden hebbe eene overdrachte des Raadts, genomen des Maandags na Palmdag, waar by de Verwers en Vulders verboden wordt te wonen boven de Fye- brug bi der grafie, en in doudelle bi der grafie om daer hoer ambacht te doen. Hebbende de Raadt wyiïelyk begrepen, dat alle, die zulke en dierge- lyke hanteeringen , door welke het water in de grachten vervuild wierd, oeffenden, in debenede, en niet in de boven Stadt, hunne woonplaatzen moeften hebben. Als ik nu lette op de woorden van het bovengemelde Raadtsbefluit in dit jaar ge- nomen, komt het my waarfchynelyk voor, dat de gravinge wel in vorige tyden begonnen, doch niet ten eenemaal voltooit geweeft is, en op dezen tydc tot buiten den Plompen toorn eerft zyn volle be- flag zal gekregen hebben.
Eer ik een einde make van dit eerde Deel, moet
ik kortelyk melden, dat de Biflchoppen, Capitte- Ien en de Raadt dezer Stadt belooft hebben den Dykgraaf van den Lekkendyk benedendams by te ftaan in het invorderen der ingeleide penningen. (i)
(i) Ziet de brief in het Utrechts Placcaatb. II. Deel bladz.
108.
EINDE DES EERSTEN DEELS.
w
BLAD-
|
|
||
|
|
||||
|
|
||||||||||||
|
|
BLADWYZER
Van zoodanige
PERSOONENf EN ZAAKEN,
.Van welke in dit EERSTE DEEL der Utrechr,-
fche Jaarboeken gewaagt word. |
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||
|
|
Ae (Eerft van der) Schepen.
162. 234. Raadt. 302.
Ae (Gerytvan der) Ouder-
man. 504.
Ae (Jan van der) Ouderman.
448-
Aelbert Hertog van Beyeren.
maakt verbond met de Stadt utrecht. 5.6. 7. be- looft de Heerlykheden van der Lede, Hageftein en E- verflein wederom aan het Sticht te brengen.-ii. be- looft Utrechts fchade te vergelden. 12. verleent ver- fcheide voorrechten aan Utrecht. 14.15.16.25. be- zoent met het Sticht. 17. 18-19. 20. 21. overleden. 52-
Aelbrecbt Bertelmeus zoon
Ouderman. 400. 449. 468.
505-
--------- GhifebrechtGeryts
zoons zoon de Stadt ver-
boden. 329.
Aerde (Ludewich van) Ou-
derman. 92-
Aernbem (te) Capittel gebon-
den. 348-
Aernout Hertog van Gelre be-
oorlogt de Stichtfe. 337. verlieft het Hertogdom Gu- lic. 340. bevredigt met het Sticht, ziet Frofc. geeft tol- vry. |
|
||||||||||
|
|
A.
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
/l (Alfer van der) Ouder-
»** man. 36. 52. 71. Hooft- man te velde. 40. Sche- pen, po. 105. ii8- Borger- meefter. 162. fweert de bal- lingen niet te zullen begun- ftigen. 172.
A(Ditk van der)Raadt.42.63.
A (Eerft van der) Ouderman.
162.
A (Egbert van der) Ouder-
man. 427.
A (Jacob van der) Schepen.
261.
A (Jan van der) Ouderman.
150.
A (Ysbrand van der) Sche-
pen, 2. 42. 63- 98. Hooft- man te velde. 39- Ouder- man. 79. Borgermeefter. 110. Sticht oproer. 130. ge. bannen. 170.179.
Abcoude open flot des Ge-
ftichts. 82. komt aan Gaas- beek. 87. 88-
Abcoude (Henrikvan) Raadt.
5'4-
-----"-(Jan van) onthoofr.
=47-
-----(Peter van) Ouder-
man. 369. Raadt. 426.467. 495-
Acquoy (Janvan) gevangen.
33«. |
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||
|
Ü L A D W
vryheid van wyn aan het
K l oo (Ier te Bloemendaal. 491.
idernt, ook Arnt, Cl aas zoon
Ouderman. 262. 400.
------ Dirks zoon Ouderman.
64. 92. overgegeven door
die van Amersfoort. 199.
------- Egberts zoon Ouder-
man. 351. 400.428. SiS-
------ Heynen zoon onthalft.
247.
------Jans zoon Ouderman.
6. 71.334.481.
------Liborts zoon Ouder-
man. 504.
------Willems zoon Ouder-
man. 12. 36. 65. 72. 107. 149. 164. 202.228. Raadt. 91. 119. 250. 270. |
Z E R
pen.269-301.334-437,459-
Raadt. 421. Ouderman. 481.
------------ (Volprecht van)
Borgermeefter. a. 63. 98.
148.218. Schepen. 42. 77. 110. 194. Raadt. 249.
Amersfotrde (Herman van)
Ouderman. 4
Amersfoort verzoent met den
BifTchop. 97- met den Her- tog vanGelre.i04.ii7. be- legert. 242.243.ingenomen. door de Gelderfche. 316. weergenomen door de U- trechtenaars. 332. hout het met Diepholt. 333. ver- geefs beftormt. 337. 338-
------------(Heeren van) Hee-
ren van Stoutenburch, 80.
|
|
||||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||||
|
|
Akndorp (Willem van) Raadt. Amersfoordenaars in wereld-
34. Schepen. 50. 90. 118. fche zaken niet te recht te |
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
200. 249- 301. 333. 367.
421. Borgermeefler. 70. 106. i<5i. 227. 270.
Alert Goefens zoon gera-
braakt. 343.
Al/en (Hendrik-van) Ouder-
derman. 72.
Alinge wake. 252.
Amadeus Hertog van Savoyen
tot Paus verkoren. 453.
Aman te Antwerpen. 197.
-^m<ron£enverbrant.257. 341.
Amtrongen (Aernt van) Sche-
pen. IÖ2.200.225. 426.447. 466. Raadt. 321. Hooft- man. 332.340. Borgermee- fter. 340. 398. 494-
----------- (Dirk van) Ouder-
man. 119.163.201.
(Jacobvan) Sche-
|
|
ftellen voor den OfficiaaL
|
|||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
56. kwalyk behandelt door
de Gelderfche. 107. wel borgers t'Utrecht te wor- den, doch niet in den Raadt te komen. 108- komen voor Yfelftein. 206. hoe zich voor Gornichem gedragen. 207. 208. hunne dienften erkent door Vrouw jacoba vanBeyeren. 208. 214. kla- gen over de Heeren van Egmond. 231. 232. in be- kommerlyke omftandighe- den. 236. doen een inval in de Veluwe. 257. tolvry in Holland. 266. hunne pri- vilegiën beveftigt. 445. Vi- dimus gegeven, van hunne tolvryheits brieven. 458. |
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
pen. 234. 480. Raadt. 286. Amersfoort! bier zeer ver-
438. 45J». maart. 337- |
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
(Jan van) Sche- dmeydi ope flot des Ge-
üichts.
|
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
||||||
|
|
BLADWYZER.
|
|||||
|
|
||||||
|
|
gedaan. 57. buiten Gomi»
chem gefloten. 71- krygt Gornichem wederom in. 207. zyn doot. 208-
Armen hoe aalmoefen te bid-
den, m.
Affendelft (Bartout van) door
Vrouw Jacoba van Beye- ren naar Utrecht gezonden.
343-
Affum (Hendrik Jacobs zoon
van) Ouderman. 427.
B.
Daani verbind zich met A-
° mersfoort. 103. heeft ge-
ding met het Captttei van S. Jan over de Vuurft.458-
Boeker (Jacob) Raadt. 321.
------(Steven) Ouderman.99-
Baecx (Jan van) woont de
belegeringe van Everfteyn by. 56.
Baers (Dirk) Ouderman. 93.
Bakerlude, (Wermbout van)
Ouderman. 220.
Bakkers Molenfys te betalen.
202.
Ballingen by de inkomft van
eenen Biffchop vrygeleyde gegeven. 68- welke met den Biffchop mochten inkomen 314. niet in te komen met den Biffchop. 443- mogen de Stadt niet beklagen by vreemde Heeren. 135. zich niet te Vianen te onthou- den. 374. noch hunne kin- deren in den Raadt te ko- men. 445. zommigevoor geld toegedaan in de Stadt te komen. 457-
Bank voor Schepensbank ge-
maakt. 500,
BlM'
|
|
||||
|
|
ftichts. 82.
Ampten van de Stadt Utrecht
verkocht. 323.
Amflerdammers geflagen. 245.
trachten de £etn te bezet- ten. 256.
Andrus Alarts zoon Ouder-
man. 100. 120. 163-
---------Arnts zoon Raadt.
162.
---------Claas zoon ter doot
gebragt. 173.
---------Jans zoon Ouder-
man. 350. 399. 438.
Antboni (Sint) patroon der
heeften. 228-
Antwerpen bezwaarr de U-
trechtenaarsin den tol. 42^. die van Utrecht vry van den tol. 197.
Arkel (Jan Heer van) verbit-
tert op de Utrechtfche. 4. komt in oorlog met Hol- land en het Sticht. 5. bele- gert binnen Gornichem.31. laat twee Utrechtenaars onthoofden. 40. in den ban gedaan. 57. uit Gornichera gefloten. 75. krygt Gorni- chein wederom in. 76. wil geenen vreede met den Bif- fchop hebben. 193. gevan- gen. 204.
Arkel (Jan van) baftaartrooft
in 't land van Vianen. 4.
Arkel (Jan van) Heer van
Heukelom, tracht te ver- geefs Utrecht te overval- len. 469-
Arkel (Jan van) Heer van
Zoelen rooft in het Sticht.
3i-
Arkel (Jan van) verleyt met
Haaltrecht. 333.
Arkel (Willen van) in den ban |
|||||
|
|
||||||
|
|
||||||
|
|
||||||||||
|
|
Ë L A D W Y
|
|
||||||||
|
|
Ë R.
|
|||||||||
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||
|
|
Banklok wanneer gebruikt. 69.
Banne (Te) te (taan. 102.
Bannen een myl van de Stadt.
4B9.
Bannire en Bannuf. ioz.
Sarbitftn inftruftie. 452*
Barmaets. 240.
Barnetieli verbrant. 257.
ftaudekim Wimkens zoon Ou-
derman. 335. 309.
Bedelaars (Ordonnantie op de)
137-
.Beer(Huge die)Ouderman.93.
(Pieter die) Raadt. 270.
Ouderman. 287.
Beent Jans zoon Ouderman.
99- III.
Beesde (Hendrik van) Ouder-
man. 44. 65.
Begangeniffe doen. 478..
Btke (Evert van der) Ouder-
man. 151.
Benfcop (Gerytvan) Ouder-
man. 2Si. 336. 428- 449- Raadt. 270. 302.
----------(Jan van) Raadt. 286.
321. Ouderman. 351. 423.
461. 482.
Berge ( Johan van den ) ge-
bannen. 329.
Bergemaker (Loef) gebannen.
179-
Bertelmeus Andries zoon ont-
hooft. 343.
Bertaut Bertouts zoon ont-
halft. 41.
----------Claas zoon. Ouder-
man. 227. 287' 399-
Bier rydinge op gemaakt. 49.
Bijjc/wpfteldeeen Schout aan.
89. en een Tollenaar. 93. op den dag van de verkie- zing de vreemden uit de Stadt te zyn. 282. fterven- de vervallen alle zyne amp- |
|
||||||||
|
|
tenaren van hunne amp*
ten. 285- hoe in bezittinge geftelti304. hoe in de Stadt ontfangen.312. mocht bal- lingen by zyne inkomft in de Stadt brengen. 314.
Biffcbops amptenaren by zyn,
overlyden leggen hunne ampten neder. 279, eedt, 312. verkiezinge hoe ge* fehiet. 282. 483. wildbaan. waar gelegen. 207.
Bltmckert (Gheryt) gebannen.
329.
Blankenbeim (Frederik van )
Bifichop van Utrecht ver- klaart den oorlog aan den Heer vanArkel. 55. brengt de vervreemde goederen tvederom aan het Bisdom, 57. voert oorlog tegen dei Vriezen. 83. 138- overle- den. 277. waar geftorven* 278. zyn graffchrift. 279.
Blidenbercb, ook Blidenborcb
( Willem van ) Ouderman. 439. 5°l- Raadt. 459.
Black (Hendrik) Ouderman.
449.490 515.
----- (Hendrik) Raadt. 448.
467.
----- (R'oeloff) Ouderman.
ui. gebannen. 128. Raadt.
194-
----- (Willem) Ouderman*
369. 422. 439. Raadt. 480.
5°4.
Boedelbarder geen Gerechts
floten te ontzegelen. 112*
Boelre (Claas van) Ouderman*
227.
----- (Wülemvan) Ouder-
man. 79.107.251.271.4J9,
----- (Meefter Willem van)
Ouderman.48i. Raadt. 504.
LI
|
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||
|
|
-
|
|||||||||
|
|
||||||||||
|
|
|||||||
|
|
BLADWYZER.
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
ftonden. 102. een mandag
doende hoe geltraft. 121. geene rechtsvorderinge op hunne erven tuffchen Noy- de en Bodegraven te doen. 136- mogen Maarfchalken en Tollenaars zyn. 197. ontheft van den Molenfys. 202. noch hunne kinderen uit te huwelyken aan bal- lingen. 216. elders aange- houden om wanbetalinge der lyfrenten. 262.430. al- leen voor den Raadt te recht te (lellen. 272. 498. 509. mochten zelfs brou- wen. 300. wanneer te lote mochten gaan. 443. niet verplicht den Biffchop bui- ten de Stadts muuren te vol- gen. 499. zich niet te be- moeyen metde oneenighe- den tuffchen de Geeftely- ken. 510. op de Zee niet te roven. 511.
Borgermeefter (Eerfte) wan-
neer het Schoutampt waar- neemt. 283.
Borgerfcbap (hoe verkregen.)
440. 441. 442.
Bojcb (Jacobvan den) Ouder-
man. 302.
----- (Jacop Martens zoon
van den) Raadt. 448.
Boflcbe (Johan van den) ge-
bannen. 128.
Botte (Aelbrecht) gebannen.
344-
Boudekyn Wimkens zoon Ou-
derman. 303- 44P- 496.
Bouderic Wynants zoon Ou-
derman. 251.
Bouwers paerden en wagenen
te leveren. 348.
Brabant (Gheryt) Ouderman.
150. Bratm |
|
|||||
|
|
Boemel ( Geryt van ) Ouder-
man. 505. Bogemaker , ook Boecbmaker
(Willem) Ouderman. 93.
120.262.287.336. uit den
Raadt gezet. 127. Raadt.
201. 226.
Bolk (Sweder en Jan Roever
van) onthalft. 470.
Ml (Dyric) Raadt. 514.
-----(Ghifebrecht) Raadt. 349.
Bolle (Gheryd) Ouderman. 3.
100. 202. 271. Raadt. 43.
64. 110.225.250.302.368.
421.
(Jan) Raadt. 219. 235.
Ouderman. 262. 335. 449.
482-
Bolleken (Willem) Ouderman.
460.
Balre (Willem van)de Jonge,
Ouderman. 460.
Bontenk (Henrik) Onderaan.
107.
Borch (Arnt van der) Raadt.
399. Ouderman. 428-
Borcbbrugge( O verdracht van
den Raadt en het Capittel
van den Dom over de) 46.
47-
Borgeren ontborgert, die de
Homans te velde niet ge- hoorzaamden. 49. in geen andere Heeren dienft te 2yn. 95- 303. en waarom. 96. hoe veele klederen te mogen geven. 96. die bui- ten woonden, wat aan de Stadt te geven en wat te doen. 101. 121. 126. inde Stadt te wonen. 121. 126.
. 233. 461. wanneer toege-
ftaan buiten de Stadt te verblyven. 505. 506. wan- neer ten geeüelyken recht |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
|||||||
|
|
|||||||||||
|
|
BLADWYZER.
|
||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
Braem(Dirk) Ouderman. 336.
-------(Herman) Ouderman.
35i-
-------(Werner) Ouderman.
120. 228. 251. 287. 322.
Raadt. 162. 201. 399.427.
Bram (Jan) Ouderman. 227.
259.
Brandt voorvallende wat te
doen. 134.135. fware t'U- trecht. 423. 523. 524.
Bretlerode (jan van) onczet van
de goederen van den Heer van Abcoude. 86. 87- 88. 130.
---------- (Walraven) oneens
met den Biflchop, zyn hu-
vvelyk en levens gedrag. 130. 131. zyn doot. 208.
----------(Jonkheer van) ver-
zocht t'Utrecht eene bui- tengewoone rechtsplegin- geby te woonen. 470.
Breukelevecns grensfcheidin-
ge- 45-
Brienen (Hendrik van) Ou-
derman. 106. 220.
St. Brigitta Clwfter waar ge-
flicht. 73.
Broederfcbap in het Bartholo-
mei Gaithuisopgerecht. 73.
Brood (Rydinge op het) 508.
Brouvers in een Gilde ge-
bracht. 433.
Brugge vonnift over aange-
houde Utrechtfche bergers. 428.
Brune ook Bruyn (Meyfter
Aernt de) Raadt. 71. 106. Ouderman. 93- I5i-35i.
------(Keesken de) Ouder-
man. 428.
-------(Korskyn de) Ouder-
man. 400. 497,
Brurinx (Marten)uit zyne bal-
|
|
|||||||||
|
|
lingfchap ontflagen. 177.
183-
Brunt(Jan) Raadt. 91.
Budenbercb (Willem van) Ou-
derman. 481.
Buedync, ook Buddinc (Hen-
rik) Ouderman. 251. 28?. 322. 309. 422. 439. 460. 481. 505.
Buer (Claes) Ouderman. 79.
i«o. m. 150. Raadt. 195. 219.
Buin (Govert die) onthalft.
490-
Bunfcbotm ingenomen door
de Hollanders. 337. afge- broken. 339.
Buren (Jan van) zoekt Bis-
fchop t'Utrecht te worden. 281. doot. 363.
-------(Willein van) tracht
Thiel te overrompelen.364.
Busmeefteren ampt. 253. 489.
Butendyc (Willem) Ouder-
man. 93. in is.jareninden Raadt niet te komen. 129.
Butenmeefteren. 339.
Buurkerks groote klok wan-
neer te luiden. 69.
------------twee Cofteryen.
103.
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
Vicarye. 274,
------------goude beker, &c.
gefchonken. 490. >
Bylair (Timan Rycouts zoon
van) gebannen. 344.
Byleveldts Waterfchap hand-
verten verleent. 138.
C.
(''alle (Peter) Ouderman.227.
^ 250. 271.350.427-4öo.
481. Raadt. 303- 398.
Cameraars borgen. 44.
Hz Cami'
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||
|
|
BLAD
Cameraart rekeningen. 95.
Campen leid veel in den oor-
log. 203.
Canoniken die te Arnhem Ca-
pittel houden. 348-
Capittelen wanneer de Gods-
dienft-oeiFeningen ophou- den. 60. 61.
------------hoe verre vry van
Wyn cyns. 198. 199.
wanneerde Preben-
|
|
Y Z E R.
Claes Martens zoon. Ouder-
man. 261. Raadt. n8.427-
----- Otten zoon. Ouderman.
227.250.302. Raadt. 270.
426.
-----Stevens zoon. Ouder-
man. 52.163-250.323.350. 399. Raadt. 118- 427.
Clarenborcb (Jacob van) woont
de belegeringe van Ever- fteyn by. 56. |
||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
den vergeven. 463. 404.
Caproen. 95.
Ciifteleynen op Stichts Sloten
Utrechtfche borgers te moeten zyn. 81.
Catbryne veld (op het) de be-
haalde buit gebracht. 339.
Catbryne poort, ziet Katrync.
Chirurgie wie te oeffenen. 452.
C/a«Aelbrechtszoon.Ouder-
man. 460.
-------Claeszoon. Ouderman.
262.
-------Everts zoon, Ouder-
man. 196.
-------Florens zoon. Ouder-
man. 151. 202. 228. 251. 288. 323- 3Si-
-------Geryts zoon. Ouder-
man. 43. 64.163.227.261. 322.422. Raadt. 286.
-------Ghifebrechts zoon ge-
bannen. 328-
------Hermans zoon. Raadt.
34.71. Ouderman. 93.107.
151.
------Huberts zoon. Ouder-
man. 3. 43.
-------Jan Pouwelinx zoon,
Ouaerman. 460.
----- Jans zoon. Ouderman.
271. 302. 350. 427.
----- Marfelis zoon. Ouder-
man. 51. Raadt. 201. |
|
|||||||||||||
|
|
-------- (Jacob van) Sche-
|
||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||
|
|
,pen
|
|
200. 270.
|
||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
(Jan van) Ouder-
man. 3. Schepen. 42. 105. Borgermeefter. 118. geban- nen. 127. weer in te ko- men. 177.183- ----------- (Jan van) Raadt.
438. 503. Schepen. 459.
Clerck van 't Gerecht. 323. C/!w(Aerntvan) Ouderman.
79- 150. Raadt. 98. no.
1----- (Gerrit van) Mededin-
ger tot het Utrechtfche Bis- dom. 281.
(Henrikvan)Raadt.20i.
226.
----- (Jan van) Ouderman.
439. 460. 515. Raadt. 495.
---- (Wouter van) Ouder-
man. 195. Raadt. 321.503.
Clinkart (Claes, Willem en
Daniel) met den Raadt ver- zoent. 33.
Cloetinc (Daem) Ouderman.
505-
---------- (Willem) Ouder-
man. 220. 262. 287. 400. Raadt. 235. 334. 426.
Coeninc (Johan de) Ouder-
man. 220. 261.
Coenraet Jacobs zoon. Ouder-
man. 427.
Conine, ook Koninc ( Gode-
vaert, |
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
BLADWYZER.
|
||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
vaert , ook Goden die )
Raadt. 78. 162. Schepen. 200. 226. 249. 269. 301. 367. 437.479. Borgermee- ller. 334. 421. 458. 503- Bevelhebber van hetKrygs- volk. 340.
------(Jan de) Schepen.34.
50. 91. 105. 149. 194. Ou-
derman. 71.
------(Jonge Jan de) Raadt.
234. Schepen. 320. 349.
398. 426. 447. 495- 513- Ouderman. 468'
-------van Voerde ook Voirde
(Godert) Ouderman. 481.
504-
Coten (Andries van) Ouder-
man. 4Q6.
Cuylenborch Blokhuizen voor
gezet. 340. toivryheden be- veiligt. 363. .
----------- (Peter van) ge-
vangen. 332.
(Sweder van) door
|
|
bemachtigen.343.379. zyne
euveldaden. 345. en volg. uitgefloten uit den vrede tuffchen hetSticht.Holland en Gelderland. 365. vefhigt zynen Zetel teArnhem.394. waneeer overleden. 437.
D.
T\aem (Evert van den) Ou-
derman. 202. agz.
Daem Jans zoon. Ouderman.
262.
Dam (Albert van) Ouderman.
400. Raadt. 427. 467.
----( Aelbert van den ) Ou-
derman. 107. 336.
----- ook Damme (Jan van
den) Ouderman. 65. 120.
164-
Damaffcbe ( Andries van)
Raadt. 162. Schepen. 447.
-----------(Gheryd van) Sche-
pen. 2. 42. Raadt. 78. 98. Hoofdman te velde.4O. Ou- derman, in. fticht oproer. 130.
------------(Gheryd van) Gbe-
ryds zoon. Schepen. 2.
Raadt. 63. Borgermeefter. 149. zvveerd de ballingen niet te zullen beguntligen. 172. meineedig gebannen.
173- 179-
(Jan van) Borger-
|
|
|||||||
|
|
den Paus voorzien met het
Utrechtfche Bisdom. 290. waarom niet aangenomen. 590. 291. erkent door de Geeftelykheit. 304. 305. over een gekomen met de Stadt Utrecht en Amers- foort. 306. tot 311. komt in de Stadt, hoeontfangen en doet eedt. 312- zyneaf- komft. 313. oproer by zyne inkomftontftaan.314- geeft daar toe oorzaak. 316. 318- komt in den haat. 324. uit de Stadt Utrecht geflo- ten. 315. J26. ingedaagt verfchynt niet. 330. doet zyne tegenftanders in den ban. 330. tracht te ver- geefs de Stade Utrecht te |
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
v j "* "x w
meefter. 34. Ouderman. 51.
1-----------(Jan van) Geryts
zoon. Schepen. 70. u8.
Raadt. 93. Ouderman. 192.
gebannen. 170.
Dedel (Claes) Lambertszoon.
Ouderman. 428.
------(Gheryt) Raadt. 106.
261. 321. Ouderman. 163.
--(Jan) Ouderman. 468.
LI 3 49ö.
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||
|
|
BLAD
Cameraars rekeningen. 95.
Campen leid veel in den oor-
log. 263.
Canmiken die te Arnhem Ca-
pittel houden. 348-
Capittelen wanneer de Gods-
dienft-oeffeningen op hou- den. 60. 61.
------------hoe verre vry van
Wyn cyns. 198. 199.
- wanneerde Preben-
|
|
Y Z E R.
Claes Martens zoon. Ouder-
man. 261. Raadt. 118.427-
----- Otten zoon. Ouderman.
227.250.302. Raadt. 270.
426.
----- Stevens zoon. Ouder-
man. 52. 163.250.323.350. 399. Raadt, n 8. 427.
Clarenborcb (Jacob van) woont
de belegeringe van Ever- fteyn by. 56. |
||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
den vergeven. 463. 464.
Caproen. 95.
Cafteleynen op Stichts Sloten
Utrechtfche borgers te moeten zyn. 81.
Catbryne veld (op het) de be-
haalde buit gebracht. 339.
Cathryne poort, zietKatryne.
Chirurgie wie te oeffenen. 452.
Claes Aelbrechts zoon.Ouder-
man. 460.
------Claes zoon. Ouderman.
262.
------Everts zoon, Ouder-
man. 190.
------Florens zoon. Ouder-
man. 151. 202. 228. 251. 288. 323- 351-
------Geryts zoon. Ouder-
man. 43. 64-163.227.261. 322.422. Raadt. 286.
------Ghifebrechts zoon ge-
bannen. 328-
------Hermans zoon. Raadt.
34.71. Ouderman. 93.107.
151-
------Huberts zoon. Ouder-
man. 3. 43.
------Jan Pouwelinx zoon,
Ouaerman. 460.
----- Jans zoou. Ouderman.
271. 302. 350. 427.
----- Marfelis zoon. Ouder-
man. 51. Raadt. 201. |
|
|||||||||||
|
|
-------- (Jacob van) Sche-
,pen. 200. 270.
------------(Jan van) Ouder-
man. 3. Schepen. 42. 105. Borgermeefter. 118. geban- nen. 127. weer in te ko- men. 177.183.
----------- (Jan van) Raadt.
438. 503. Schepen. 459.
Clenk van 't Gerecht. 323.
CY?iK(Aerntvan) Ouderman.
79. 150. Raadt. 98. no.
----- (Gerrit van) Mededin-
ger tot het Utrechtfche Bis- dom. 281.
-----(Henrikvan)Raadt.20i.
226.
(Jan van) Ouderman.
439. 460. 515. Raadt. 495.
---- (Wouter van) Ouder-
man. 195. Raadt. 321.503.
Clinkan (Claes, Willem en
Daniel) met den Raadt ver- zoent. 33.
Cloetinc (Daem) Ouderman.
505.
---------- (Willem) Ouder-
man. 22O. 26i. 287. 400. Raadt. 235. 334. 426.
Coeninc (Johan de) Ouder-
man. 220. 261.
Coenraet Jacobs zoon. Ouder-
man. 427.
Conine, ook Koninc ( Gode-
vaert, |
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||
|
|
|
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
BLADWYZER.
|
||||||||
|
|
|||||||||
|
|
vaert , ook Godert die )
Raadt. 78. 162- Schepen.
200. 226. 249. 269. 301.
367. 437-479. Borgermee-
fter. 334. 421. 458. 503.
Bevelhebber van het Krygs-
volk. 340.
~-----(Jan de) Schepen.34.
50. 91. 105. 149. 194. Ou-
derman. 71. ------( Jonge Jan de) Raadt.
234. Schepen. 320. 349.
398. 4*6. 447- 495- 513-
Oudertnan. 468-
------van Voerde ook Vwiit
(Godert) Ouderman. 481.
504-
Coten (Andries van) Ouder-
man. 496.
Cuylenborch Blokhuizen voor
gezet. 340. tolvryheden be- veüigt. 561. .
------------ (Peter van) ge-
vangen. 332.
1----------- (Sweder van) door
den Paus voorzien met het
Utrechtfche Bisdom. 290. waarom niet aangenomen. 290. 291. erkent door de Geeftelykheit. 304. 305. over een gekomen met de Stadt Utrecht en Amers- foort. 306. tot 311. komt in de Stadt, hoeontfangen en doet eedt. 312. zyneaf- komft.313. oproerbyzyne inkomft ontftaan.314- geeft daar toe oorzaak. 316. 318. komt in den haat. 324. uit de Stadt Utrecht geflo- ten. 315. J26. ingedaagt verfchynt niet. 330. doet zyne tegeaftanders in den ban. 330. tracht te ver- geefs de S Uil t Utrecht te |
|
|||||||
|
|
bemachtigen.343.379-
euveldaden. 345. en volg. uitgetloten uit den vrede tuffchen hetSticht.Holland en Gelderland. 365. veftigt zyncn Zetel teArnhem.394. waneeer overleden. 437.
D.
T\aem (Evert van den) Ou-
derman. 202. 162.
Daem Jans zoon. Ouderinan.
262.
Dam (Albert van) Ouderman.
400. Raadt. 427. 467.
(Aelbert van den) Ou-
derinan. 107. 336.
---- ook Damme (Jan van
den) Ouderman. 65- 120.
164-
Damaffcbe (Andries van)
Raadt. 162. Schepen. 447.
-----------(Gheryd van) Sche- pen. 2. 42. Raadt. 78. 98.
Hoofdman te velde.4O. Ou-
derman. 111. fticht oproer.
130.
-----------(Gheryd van) Gbe-
ryds zoon. Schepen. 2.
Raadt. 63. Borgermeefler.
149. zweerd de ballingen
niet te zullen begunlligen.
172. meineedig gebannen.
173- 179-
-----------(Jan van) Borger-
meefter. 34. Ouderman. 51.
-----------(Jan van) Geryts
zoon. Schepen. 70. 118.
Raadt. 92. Ouderman. 192.
gebannen. 170.
Dedel (Claes) Lambertszoon.
Ouderman. 428.
------(Gheryt) Raadt. 106.
261. 321. Ouderman. 163.
------(Jan) Ouderman. 468.
LI 3 496.
|
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||||
|
|
BLADWYZER.
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
Raadt gezet. 328.
DircDircs zoon, Oudermin.
36. 52- 69.
-----Ghifebrechts zoon. Ou-
derman. 235. 302. 369.448- 481. 504.
-----Godevaerts zoon. Ou-
derman. 3-
-----Jans zoon. Ouderman.
43- 64- 79-
Janszoon dieLyndrayer.
Ouderman. 64.
-----Tymans zoon.Ouderman.
504.
-----Willams zoon. Raadt. 2.
64. Ouderman. 44.
-----Willem Henricx zoons
zoon. Ouderman. 235.302.
369. 448. 481. 504-
Doem (Svert van den) Raadt.
226
------(Jan van den) Raadt. 34.
Dole ( Abraham ) üicht een
kloofter. 117.
Domcapittel hoe haare timme-
ringe bezorgt. 164. of de aanftellinge heeft van eenen Officiaal, gedurende het le- dig (laan des Stoels- 280. verfchil met de andere Ca- pittelen. 3°5-
Domskerk leent haare klok aa n
de Stadt. 69, de Moeder- kerk. 394.
Doodflagen hoe geftraft. 121.
122. hoe bezoent. 372. en vervolgens.
Door» verbrand. 257.
Dorfcben (Tyman van) Ou-
derman. 4- 44- 100. 112. 196. 236.262.287. Raadt. 64. 219- Overfte Ouder- man. 151. Borgermeefter. 321. gebannen. 317. geld op zyn lyf gezet. 370. |
|
|||||
|
|
496. 515.
Dedel (Tideman) Ouderman.
150. 335- 369- 4°o- 449- 460. S°5-
------(Jonge Tyman) Ouder-
man. 468. 481. Raadt. 504.
Dekenen in Holland (Ordre op
de) beraamd. 450.
Deputaten te kiezen. 101.
Dertiende dag waarom ge-
noemt. 112.
Diemer Zeedyk hoetebehee-
ren. 273. 521.
Die/ièo/t (Rudolph van) vraagt
bet Utrechtfche Bisdom. aSi.verkooren totBiflchop. ?84- van den Paus verwor- pen. 288. voor Poftulaat , Voogt en Momber des Ge- ftichts aangenomen. 289- in den ban gebracht doorSwe- der van Cuylenborch. 319. komt te Utrecht. 326. tot Ru waert verkl aart. 329.336. vergeeft die hem misdaan hebben. 33r. neemt Amers- foort in. 332. zyne uittoch- ten tegen de Hollanders en Gelderfchen. 341- en vol- gende, in den ban gedaan door Paus Marten.423.her- ftelt door Paus Eugenius. 435.436. wordingewyten komt te Utrecht. 443. be- veflichtStadts Privilegiën. 444, beraamt ordre op de Proviforen en Dekenen in Holland. 450. belooft de koften te Romen tegens Walraven van Meurs te voldoen.'473. in Holland, Zeeland en Vriesland als Biflchop erkent. 521.
Eire Aernts zoon. Ouderman.
327.261. 287. 322. uit den |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
|||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
BLADWYZER.
Dtrfcben ( Willem van ) Ou- afgebroken en verbrant.Sl.
derman.303.gebannen.327. EemneJJe (Jacob van) Oudei-
geld op zynlyf gezet. 370. man. 35.
onthooft. 497. Eerft Jans zoon. Ouderman.
Drakenborcb (Jan van) woond 33<5. Raadt. 399.427.44.8.
de belegeringe van Ever- 467.495.514.
dein by. 56. Egbert Huberts zoon. Raadt.
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
(Jan van) Sche-
pen. 447. 479- 513-
------------(Vrederic van)
Schepen. 33. 50.70.90.110.
149.194,218. 234.260. 285. |
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
64.
------Jacobs zoon. Schepen.
34.260. Raadt. 50.71.91.
195. Ouderman. 160.220. 235- 322. |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
349.Hoofdmantevelde.39. Egmont (Jan en Willem van)
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
veroordeelt I yf en goet ver-
beurt te hebben. 204. ge- hoorzamen niet aan dat vonnis. 205.
-------(Jan van) gevangen.
214.
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Ouderman. 370.
--------------(Vrederic van) de
jonge , Schepen. 161. 301.
334'398. 421.437-458.503- Drentbs Landrecht. 117. Droemt geplondert. 342 |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Droom, ook Droem (Jan) Ou- Elburg klaagt over fchade
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
derman. 100, 112. 220.
Raadt. 149. |
|
door de Stichtfche aange-
daan. 512. |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
(Tyman) Ouderman. El^ier (Claes) Raadt. 98.110.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Üuderman. 150.
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
DÜurflede ópe Slot des Ge- Elsveert (Claes uten) Raadt,
ftichts. 82. 426. |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
(Roelofuten, ook
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
D-wingeland (Gysbert) ter
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
van) Raadt. 42. 226. 438.
459. Ouderman. 202. 251.
271. 302. 335. 369. 422.
481. 504.
Emtneffe (Jacob van) Ouder-
man. 64. 79- Emmeneffe oneenig met den
Biflchop. 498.
Endoven (Henric van) Raadt.
2.63. 78.98.149.195-219.
286. 321. Ouderman. 44.
in. gebannen.344.
---------(Marten van) Raadt.
270. 301.
Engbert Aernts zoon Ouder- |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
doodt gebracht. 59.
Dyell (Bertelmeus van) Ou-
derman. 515. |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
E.
geplondert. 342.
Ede verbrand. 257. Eduwart Hertog van Gelre doet uitfpraak over de ge- fchillen tuflchen Hertog Aelbert, het Sticht en de Stadt Utrecht. 17. 18. 19. Eem (aan de) een Blokhuis ge- maakt. 256. |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
- (Henric van der) Ouder- _ man. 460.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
man, ui. 163.
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
Erfbuism'eeftersmttru&ie- 474-
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
(Huis ter) waar geftaan, Eifler flot verbrand. 257.
LI 4
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
B L A D W Y Z
frnten verbrand. 257.
Eugenius de vierde Paus heelt
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
E
G.
|
|
R.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
de fcheuringe in de U-
trechtfche kerk. 435. 446.
afgezet door de Kerkver-
gaderinge te Bazel. 454.
keurt goet het verdrag tuf-
fchen den Prooft en het
Capittel van S. Pieter.482.
Everfiein belegert, verovert
|
|
(2aesbeek (Jacob van) be»
komt de goederen van den Heer van Abcoude. 87- 88- zyn verfchil met den Prooft van S. Peter. 103, leenman van den Biffchop. nrt.
(Jan van) vyand
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
en afgebroken. 55,
Evert Claas zoon. Raadt. 368. Ouderman. 423. 461. s----- Elyas aoon. Ouder- man. 505.
-----> Everts zoon.
man. 496.
------Geryts Zoon. Ouder-
man. 369- 423- Etoicb (Jan van) Ouderman. 4<5o. 496. |
|
des Biflchops en van U-
trecht en Amersfoort. 241.
Galencoop (Jonge Ghifebrecht)
Ouderman. 43. 64. 78- 99-
195. Raadt, 110.149.226*
Galh (Herman) Raadt. 194. Gaftbuis in den Oudelle niet
uit te breiden. 73.
G&ftbuizen niet te timmeren
zonder oorlof van den
Raadt. 324.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
£»0«tWillemszoon. Ouder- Geel (Tideman) gebannen.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
271.322.399-42?'
F. |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
329-
Geejlelyke gebouwen niet te |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
(lellen. 73.
Pelix de vyfde Paus wie ge- Geejlelyke rechter wanneer
weeft if. 453. over wereldfche te zeggen |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
. hadde. 102. 123,
Jb«A(Geryt)Raadt. 438.459- Geeftelyken niet te timmeren
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
zonder kennifle van den,
Raadt. 324,
(Aan) geene goe-
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
480.
Foeyte, ook Foyt (Gheryt)
Raadt. 421
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
(Jan) Ouderman.
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
deren te verkopen, of in
aalmoes te geven. 73. Gelderfcbe geflagen. 342. |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
2<5i. 369.422.496. Raadt.
334- |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
------- (Peter) Raadt. 2. Gellincbem~(Ge\ys van) Ou-
42- 78- 98. IIP. 219. 235- derman. 369. 449- 468-
4/o. Ouderman. 64.. 150. Gelre (Henric van) Ouder-
195. 302. 350. 399. man. 33J. 422.
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
v-----------(Volprechr) Raadt. Gelds waarde en loop jaarlyks
92.105.118.200.227.321. bepaalt. 41.
Ouderman. 163. 227. Sche- Geleydc hoe en aan wie gege.
Pen' 249- ven. 152.153.
f renet (Gheryd) Ouderman. Gemeren (Herman van) Ou-
4l9r de*
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
BLADWYZER.
|
||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
derman. 92.
Generaal Capittel. 491.
Gerit Stevens zoon onthalft.
470-
Gerversltop te onderhouden de
brug over Byleveld. 492.
Geryt, ookGierytAelbrechts
zoon. Ouderman. 92. 106. 221. 250. 369. 422. 449. Raadt. 162.
*------Aernts zoon. Ouder-
man. 422.
------Beernts zoon. Ouder-
man. 195. 235. 261. 322. 350. 438. 468. 504-
------Daems zoon. Ouder-
man. 2OI.
------ Geryts Boudens zoons
zoon. Ouderman. 351.
------Janszoon. Ouderman.
aöz. 400. 428.
'------Jan Wefielszoon. Ou-
derman. 399.
------Jan Weflels zoons zoon.
Ouderman. 449. 496.
------Loefs zoon gebannen.
J 79-
------Mattbys zoon. Raadt.
448. Ouderman. 497. 516.
<------Roedericx de Stadt
verboden. 329.
------Stevens zoon. Ouder-
man. 271.496.
------Willemszoon. Ouder-
man. 449. 468.496.
Gevangenen voor losgelt vry-
gelaten. 40. 214. op wat prys geftelt. 41. 240.
Geyn (Het) verbrand. 31.
Gbeel (Jan) Ouderman. 36.
Raadt. 51.71.91.106.119.
Gbeer (Willem van der)
woond de belegeringe van Jïverfteinby. 56. |
|
|||||||||
|
|
Gbéerlof Martens zoon On-
deraan. 65. 202. 227.
Gbent, ook Gent (Henric Tan)
Ouderman. 36. 72. Raadt.
448. 4Ö7-
------(Henrick van) Ouder-
man. 400.428.449. Raadt.
495- 5H-
------(Willem van) Raadt.
106.226. Ouderman. I2C.
163- 202. 336. 461. 505. Schepen. 249. 311. 367.
437- 479-
Gbtfebrecbt Claeszoon.Raadt.
234. Ouderman. 261. 287.
322. 350. 399. 427. 468.
-----------Dircszoon.Oudeï-
man. 99- H9-163.196.227.
271. 287.
-----------Janszoon. Oudet-
man. 72.92.107.120.163.
202.227. 322.
Louweren s zoon. |
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
Ouderman.ssi. 428. Raadt.
399-
- Michiels zoon. Ou-
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
derman. 196.
-----------Stevens zoon. Ou.
derman. 227. 261.
--------- Uden zoon. Oudei-
man. 250.
Gbifelmaer (Willam) Oudet-
man. 93.
Gilden niet in te loten te gaan,
die met Stadts wimpel niet mede gegaan waren.33. hoe te velde trokken. 38. 39.
Glazemaker ( Benholomeus )
Raadt. 51. 78. 99.
Godevturt (ook Godert) Eg-
berts zoon. Ouderman.4oc. Raadt. 459. 480.
----------- Jans zoon. Ouder-
man. 322. uit den Raadt ge- L, l s zet. |
|
|||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||
|
|
|||||||||
|
|
BLADWYZER.
|
||||||||
|
|
|||||||||
|
|
Raadt. 70. 91.204.260.321.
349. 430. gebannen. 128.
Graviaert (Hughe) Raadt. 34.
149.219.270. 30*. Ouder- man, in.
---------(Jan) Raadt. 368.
448. Ouderman. 425. 468-
------------(Johan) Hugens
zoon. Ouderman. 422.
Raadt. 495.
-----------(Jan)Wouters zoon.
Ouderman. 449. Raadt.495»
SH-
"-----------(Peter) gebannen.
123. Raadt. 250.302. Ou-
derman.272. Schepen. 480,
-------(Wouter) Ouder-
man. 4.44.100.228. Raadt. 64. woond debeleegeringe van Everftein by. 56. Bor- germeefter. 78. Overfte Ouderman. 120. gebannen. 127.
- ( Wouter) gevol-
|
|
|||||||
|
|
zet. 318.
GodevaertVnncken zoon. Ou-
derman. 35. 71. 106. 119.
235. Raadt. 50. 162.
Goes (Geryt) Ouderman. 496.
SIS-
Gornicbem belegert. 31. aan
den Hertog van Gelre over. gegeven. 104. Holland in- gelyft. 116. ingenomen door Willem van Arkel. 207. door Jacoba van Beyeren, en ftrydt aldaar voorgeval- len. 208.
Goude (Ter) verkrygt deHeer-
lykheit van Stein. 502.
Goudenbercb (Jan Vale van)
Ouderman. 3.
-------------(Vale van) Ou-
derman. 79. 100. Raadt. 110. 149.
Gtnttjlager (Dirc) Ouderman.
196. 221. 288.
Goyer(Diik de) Henrixzoon.
Ouderman. 350.
------(Dirk de) Willems zoon.
Ouderman. 349. Raadt-426.
------(Huge de) Raadt. 91.
105.200.226. 249.270.349.
398. 426- 467.
Gracht binnen Utrecht gegra-
ven. 521. GraiftKrt ookGraiwrt(Beernt)
Schepen. 320. Ouderman.
439. 482. Raadt. 459.
---------(Dirc) Ouderman.
107. 221. gebannen. 128.
Raadt. 235. Schepen. 260.
320. Schout en Borgermee-
fler. 285. Hoofdman. 332.
Borgermeefter. 349.
-----------(Dirc)Hugen zoon.
Ouderman. 315.
"(Herman) Ouder-
mau. 51.106.201.286,399.
|
|
|||||||
|
|
machtigt van Sweder van
Cuilenborch, neemt bezit- ting van het Bisdom. 304.
3°S-
Groenenbercb ook Gruenenbercb
(Claes van) Ouderman.261.
286.322.350.467-496. SH.
Raadt. 398. 426.
--------------(Egbert van) Ou- derman. 35. 92- 235- 302.
335. 438. Raadt. 50. 71.
105. 118. 162. 200. 368.
Schepen. 422.
-------------(Huge van)Raadt.
495- 514-
Groenewoude, ook Gruenewou-
de (Eerft van) Jans zoon , Borgermeefter. 349. Raadt. 348. 426.
------------ (Jan van) Sche-
pen. 50. 70. po. 105. 118. uit |
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||
|
|
||||||||||
|
|
|
|
||||||||
|
|
||||||||||
|
|
B L A D W
uit den Raadt gezet en ge-
bannen. 128. twee jaren uit de Stadt te blyven. 182. Raadt. 334. 4.38.
Groenewoude (Lubbert van)
Ouderman. 515.
Groningen wederom aan het
Bisdom gebracht. 57.58.59.
--------aangenomen voor
de zesde hoofdttadt des Ge-
ftichts. 230.
Grootenveld (Jan, Dirk, Wou-
ter en Steven van) onthalft. 470.
Grote (Lambert) Ouderman.3.
Gruenevelt (Philips van) Ou-
derman. 480. 504.
Gruter (Evert die) gebannen.
344.
-------(Ghifebrechtde)Raadt.
368.421.438.459.480.
-------(Heyne de) Ouderman.
230.
-------(Jan de) Ouderman. 164.
-------(Willem de) Ouderman.
303-
Gulik gekomen aan den Her-
tog van Berge. 340. Gunter (Arn t) O uderman.46o. 481.
------(Dirc) Schepen. 33-
Guytermyk (Everwyn van) on-
trouw en geftraft. 217.218- Gysbert, ook Gbifebert Claes zoon. Ouderman. 496. 515. ----------Gerytszoon. Ouder- man. 35.
---------- Godevaerts zoon.
Ouderman. 515.
----------Jans zoon. Ouder- man. 36- 52- 449-468. ----------Loefs zoon, geban- nen. 179.
---------Lourens zoon. Raadt.
321. Ouderman. 449. 468.
|
|
||||||||
|
|
Y Z E R.
H.
rjack (Arent) van Outheus-
* * den, Ridder. 32. Haec, ook Htiech (Henric)
Raadt. 99. 110.150.
------(J°nge Jacob) Ouder- man. 3- 64- 99- IU« 150. Raadt. 78.219.234.
------- (Johan) gebannen. 328.
geld op zynlyf gezet. 371.
------(Melys) gebannen. 328.
Ham (Gheryt de) Raadt. 34.
286.350. 448.467. Ouder- man. 52. 72. 92. 107. 120. 196. 220. 236. 400. 449. 496.515. uit den Raadt ge- zet. 128.
-------(Jonge Jan de) Schepen.
285-
-------( Tyman de) Ouder-
man. 36.
Hatrlem (Claes van) Ouder-
man. 65. 107.
Haefe ook Hafe (Henric de)
Ouderman. 303. 428. 449. 469- Raadt. 334-399.5I4. -------(Willam die) Ouder- man. 423.439.461. #ae//ë(Evert)Ouderman. 163. Hageflein belegert en afgebro- ken. 55. aan het Bisdom ge- bracht. 69.
Hamelenberg (Johan van)
Raadt. 334. 368. 421. 459. 480. Ouderman. 439.504. Hamerftein (Aelbert van) Ou- derman. 262. Schepen-320.
------------ (Louwerens van)
Raadt. 2.42. 70. Schepen.
91. 105. 118. 226. uit den Raadt gezet en gebannen. 128. twee jaar uit de S tadt te blyven. 183.
(Tideman van i
Raadt. |
|
||||||||
|
|
j
|
|||||||||
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||
|
|
|
|||||||||
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
BLADWYZER.
Raadt. 110. 195- 301. O- man. 163.
verfte Ouderman. 151. Ou- Henric Claes Venckunszooru derman. 271. 423. 449. zoon. Ouderman. 35. Hamme (Willem van) ont--------Henriks zoon. Sche- |
|
||||||||||||||||||
|
|
halft. 470.
Harnaffen wie in te mogen
verfchynen. 164.
Haffeit voorrechten verleend.
272.
Hattem door de Stichtfchen
benadeelt. 512.
Haver van S. Jan. 355. tot
3<53-
Haioert, ook Hazert (Dirc)
Ouderman. 107. Raadt. 162.
448. 5ö3-
----------(Henric) Ouderman.
220. 235. 286. 322. 427.
467.496-514. Raadt.26o.
3$°- 398-
---------- (Loeff) Ouderman.
227. 302. 438. Raadt. 334.
368. 421- 459-
---------- (Peter) Ouderman.
43- 79- 99- Raadt. 60.
---------- (Tyman) Raadt. 2.
Oudertnan. 120.164.
Haze (Willam de) Ouder-
man. 4.80.120. Raadt. 162.
Heémscroen (Claes van) ge-
bannen. 328.
Heemftede (Claes van ) Ou-
derman. 287. Raadt. 321. geld op zp lyf gezet. 370. |
|
||||||||||||||||||
|
|
pen. 421.
-------Jacobs zoon. Ouder-
man, fi. 106.302.335.351- 422. 439. 481. Raadt. 91. 226. 249. 270. 301. 368. 503. gebannen. 318.
------Jacob Dircx zoons
zoon. Ouderman. 399-439.
460.496.515. Raadt. 448.
-------Jacob Vrederix zoons
zoon. Ouderman. 119. 201.
in vyftien jaren in deRaadc niet te komen. 129.
-------Jans zoon. Ouderman.
42. 220. 287. 322. 460.
Raadt. 250.
------ Jan Claes zoon. Ouder-
man. 439- 468. 497-
-------Jan Elias zoons zoon.
Ouderman. 236. 261. 369.
-------Pouwels zoon van Vre-
delant. Ouderman, j. 43.
64. 79. 99- Raadt. 34. 51. 71. 91. 106. 119. 195- 219. 235. 261.
-------Timans zoon. Ouder-
man. 72.112. 221. - Vredericx zoon. Ou- derman. 36. Raadt. 51.71. 91. |
|
||||||||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||||||
|
|
(§ander~van ) Ou- Henricus Pauli Secretaris van
|
|||||||||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||||||||
|
derman. 482. 505.
Heer (Dirc) Raadt. 34. 63. |
|
|||||||||||||||||||
|
|
den Raadt. 35- gebannen.
318. |
|
||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
Ouderman. 79^. ^io6A 481. Hensbeec (Gheryt van) Ou-
|
||||||||||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||||||||
|
|
derman." 93. 120. 201. 322.
423. Raadt. 286. 350. 438.
49S-
Hensberck (Dirc van) geban-
nen. 329-
Herboert, ook Herboirt (Ja-
cob) Ouderman. 3. 79. m. Raadt, |
|
|
|||||||||||||||||
|
(Ghifebrecht) Ouder
man. 271,300.439. Raadt. 321-
JJeerkyn (Jan) Raadt. 448.
Heerman (Jan) Ouderman.
460.
Ueeswycls (Jan van) Ouder-
|
|
|
||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
-
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
BLADWYZER.
Raadt. 42.98. 249. geban- Hollant (Jacob van) uitzyne
baliingfchapontflagen.177.
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
183. Raadt. 2oi.~Ouder-
man. 236. |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Herboert (Jan) Raadt. 70. On-
deraan. 92. 106. |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
(Willam)Ouderman.--------(Jan van) Oudetman.
92- S2- 72- 196". in vyftien ja-
ren in den Raadt niet te ko-
men. 129. Ho//e(Henrik) gebannen. 129, |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
H
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
------------ ( Ghifebrecht en Homans der Schutten jaarlyks
Ernflvan)gebooreborgers. rekening te doen. 49.
65. Hombout (Jacob) Raadt. 34.
Herman Claes Brants zoon. 51. Ouderman. 72.
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Ouderman. 302. 335. 422.
439. 460.
Claes Vranks zoon.
Raadt 480. Ouderman.504.
Weffels zoon. Ou-
derman.36.52.72.120.202. |
|
-------- (Jan) Schepen, i.
63. 77- IC9.161. 200. 225.
249. 269. Borgermeefler. 42.99. kwyt gefcholden 't |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
geen hy Hertog Willem
fchuldig was. 195. |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Raadt. 91. 106. 162. 226. Homoet (Henrikvan) Ridder
250. 270. 301. gevangen. 259.
----------Wouters zoon. Ou- Hondertmerck (Jacob) Coad-
derman. 3. jutor. 280.
Heusden geplondert. 342. Hoofdmannen der vier vieren-
Hey (Berent) gebannen. 329. deelen. 522.
Heynken Bode van Amfterdam Horfl ( Ghifebrecht van der)
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
onthooft. 247.
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
Raadt. 226. 368. 421.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Heze (Willem van) geit op ----- (Ter) Stichts flotdoor
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
wie gebouwt en vernield.
80. |
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
zynlyf gezet. 53.
Hierufalems Vrouwekloofter |
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
gefticht. 231. afgebrant. Houbercb (Henrik') Officiaal.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
280.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
423.
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Hilbrant Dircx zoon. Ouder- Hoüdaen (Dirc van) Schepen.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
91.105.118.194-234- 285.
398. 447. 494. Borgermee- fler. 219. 260. 420. 466. 513. gebannen. 318. Raadt. 321. 356.
(Zweder van) Sche-
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
man. 467
Hinderdamfcbe fluys geleyt.
491-
Hoeklem Qan) tot Stadts Heel-
meefler aangeftelt. 74.
Hoerbuizen toegedaan. 36. |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Hoet (Aernt) Ouderman.202.
236. 369. 423. 439. 461-
Raadt. 261.334.480. 503.
gebannen. 318.
HM (Dirk) Ouderman. 485 |
|
2. 50. 70. Borgermeefler.
91. Hout (Thomas) Ouderman.
261.
Houten verbrand. 257.
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
^(Willem) Raadt. 46?» Hubtrt Daniels zoon. Ouder-
man.
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
BLADWYZER.
man. 30. 52. 72.107. 220. Jacob Mathys zoon onthalft.
236.287.400. Raadt. 91. 247.
118.195.261.321.427. ----- Peters zoon. Ouderman.
Hubert Egberts zoon. Raadt. 439- SOS-
34.70.105. Ouderman. 51. ----- Tymans zoon. Raadt.
Overfte Ouderman. 93. 448. 467- 495- 5*4-
(Peter) Daniels zoon. Vrederiks zoon. Raadt.
Ouderman. 251. 351.423. 2- 63- 149- 194- 219. 286.
- (Peter) Huberts zoons 32i. Ouderman.47. 79.99.
|
|
||||||||||||||||||||||
|
|
in. 234. 261. 350. 368.
Overfte Ouderman. 8a. 112. 399. |
|
||||||||||||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||||||||||||
|
|
zoon. Ouderman. 428.
Huge (Aernt) Raadt. 71. 99. 119.162. |
|
||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
Bertelmeus zoon. Ou- ----- Wouters zoon. Ouder-
derman. 515. man. 422.
Lubberts zoon. Ouder- Jacoba van Beyeren Gravinne
|
|
||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||||||||||||
|
|
man. 448.
Huisgelt uitgefchreven. 39. Huizen en Hoffteden. 228. -------met harde daken te
dekken. 30. 75-
I.
|
|
van Holland &c. 204. neemt
Gornichem in. 207. 208. erkent de hulpe door U- trecht en Amersfoort ge- daan. 228. en volgende, zent volk tegen de Gelder- fchen. 332. |
|||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
Jagher (Reynerus) gebannen.
'Vaar wanneer begonnen. 53. 318.
J 54. Jan van Siyeren maakt vre-
Jawmarktcn hoe veel en hoe de tuiïchen Holland en den
|
|
||||||||||||||||||||||
|
|
Heer van Arkel. 32. han-
delt trouwloos met Jacoba van Beyeren. 209. haat de Utrechtenaars. 231. hoort hunne klachten niet. 232. 233.237. neemtLevden in. 238-239. bevredigt met het Sticht. 263. 264. 265. be- veftigt Amersfoorts tolvry- heit. 266.
-----Aelberts zoon. Raadt.
438.
Claas zoon. Ouderman.
|
|
||||||||||||||||||||||
|
|
gehouden. 292. tot 296.
Jacht hoe verboden. 267.425.
|
|
||||||||||||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||||||||||||
|
Jacob Beren zoon. Ouderman.
- Dircks zoon. Ouderman.
271. 322. 351. 369. 400. 428.468.497-515-
- Egberts zoon. Ouder-
derman. 3. 43. 64. 79. 99. 119. 163. 201. 227. 250. 271.302.
----- Gheryts zoon. Ouder-
man. 71. 92.106.119.163. 287.422. Raadt. 219, 260. 334-
Hubert Egbrechts zoons
zoon. Ouderman. 195.
- Martens zoon. Ouder-
man. 438. Raadt. 480.503. |
|
|||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
44. m. 150.516.
- Dirks zoon Ouderman.
ui. 195. 271.
-----Egberts zoon. Ouder-
man. 163.
Ewout Ghifebrechts
zoon. |
|
||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||
|
|
BLADWYZER
zoon. Ouderman. 302. Jan Wilgers zoon onthalft.
JanGeiyt$ zoon. Raadt. 201. 41.
261.350. Ouderman. 322. Jans Kerkhof ontwyt. 59.
400. Ingen geplondert. 342.
Gheryd Gepels zoon. InterdiS waar in van den ban
Raadt. 2. 42. 78. 91. Ou- verfchilt. 344.
dcrman. 72.107.120. 163. Joban Biflchop van Makon
227-287. afgezant des Paus, en zyne
-----Ghifeberts zoon. Raadt. verrichtingen. 435.
1.110. 350. Ouderman.36. Joban Dirks zoon, en Joban
65.72.150.236". Gysberts zoon , onthalft.
|
|
|||||||||||||||
|
|
Ghifebrecht Andries
zoon. Ouderman. 439.
----- Gysberts zoon. Ouder-
man. 468. 496.
- Jacob Egberts zoons
|
|
|
||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||||
|
|
470.
Jongbe (Dirc de) Ouderman.
52. Raadt. 448.514.
------ ( Henric de ) Ouder- |
|
|||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||
|
|
man. 3-
|
||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||
|
|
zoon. Schepen. 110.149.------(Lubbert de) Ouder-
Ouderman. 287. man. 335- Raadt. 398.
-----Jacobs zoon. Ouderman. Jorden Wouters zoon. Raadt.
, 449. Raadt. 467. 268. 421.
-----JanReynierszoonszoon. Juffrouw trouwende tegens
Ouderman. 422. den wil harer voogden hoe
Jans zoon. Ouderman. geftraft. 66.
515- Jutfaes (Jacob van) Raadt.
Lamberts zoon. Ouder- 42. 63.
man. 448. ---------(Janvan)Raadt.301.
----- Lourens zoon. Ouder- 334. 448. Schepen. 368.
man. 3 43. 79-106"- 495. Ouderman. 515.
----- Mathys zoon. Ouder- Jutfaes (Te) een tweede
man. 93- 107- 202. 400. Priefter aangeftelt. 73.
Raadt. 270. 438. 459- 480.
----- Meeus zoon.Oudermin. K.
272.
----- Meynertszoon. Ouder- J^alle (Peter) Ouderman.
man. 236.323. 202. Raadt. 301.
----- Peters zoon. Ouderman. .Kartiuz/erKloofterbegifticht.
468- 45. gaat een Broederfchap
Reyners zoon. Ouder- aan met de kerk van S. Jan.
man. 72. 218.
-Tullen zoon. Raadt. 368. Kajleelen te bouwen belet, -----Vrancken zoon. Ouder- en waarom. 83.
man. 44. 65. 163. Raadt, /fat voor deEemgelegt. 338.
78. 105.118. 234. 350. Katryne poort een gevangen-
----- Weffels zoon. Ouder- huis. 410.
man. 71.92.119.196.227. Xmie«i(GflerytVroenvan)
|
|
|||||||||||||||
|
|
Raadt.
|
|
|
||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||||
|
|
250.
|
|
|||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
BLADWYZER.
Raadt. 368.405. Schepen. duurte hoe te voorkomen.
421.459- 2j7.258.hoetemaalen.43r.
Kefteren geplondert. 342. Jfrae»(Ghifebrecht de)Raadt.
Ketelaer ook Keteler ( Claes) 51.
Raadt. 2. 63- 78- 98. 110.
149. Ouderman. 43.
|
|
||||||||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||||||||
|
(Jan) Raadt. 286
350. 399-
Keurmeefteren plicht en eedt |
|
149. uit den Raadt gezet.
328. Krauviel (Gerit) onthooft. |
|
|||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
470.
Keye (Jan) Ouderman, in. Kreyenbroec (Peter van) Raadt.
uit den Raadt gezet. 128. 249- 270. 301,
Ktyfer (Gerytde) R»adt. 201. Kriekenbeec (Willem van) Ou- derman. 515.
Kasboek (Florens van) Veld-
overfte van den Biflchop. |
|
||||||||||||||||||
|
|
481- 505- '
-- (Ghifebrecht de.) Ou- |
|
||||||||||||||||||
|
|
245.
|
|||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
derman, m. uitdenRaadt Kye (Willem van) Ouderman.
gezet. 128. 72-
(Henric de) Ouderman. Kyfboek (Floris van) door
220. Vrouw Jacobanaar Utrecht
Qohan de) Ouderman. gezonden, 343.
251. 272.
(Peter Jans zoons zoon) -L.
|
|
||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||||||||
|
Ouderman. 52- 79.
Knapen wie. 493- Knap (Henric) Ouderman.
448. 504-
JTnw(Jan) Raadt.34- 63. 78.
98. no. 149-
Knyf ( Gheryt) Ouderman.
258.335-3<59- Raadt. 270.
301. 421. 459- 480. 503.
----- (Jan) Ouderman. 35.
64. 78. ui. 195- 235.261.
350. 399- 427- 448. 467. 496. Raadt. 98. 219. 28(5. gebannen. 128. weer in te komen. 177.183. Schepen. 320.
----- (Jonge Jan) Ouderman.
438.5H.
Koning, zietCmmg.
Koorn hoe te verkopen. 85-
|
|
|||||||||||||||||||
|
|
f ankert Biertapper ont-
*** hooft. 343.
----------Claas zoon. Raadt.
219.
----------Elias zoons zoon.Qu-
derman. 236.
----------Jans zoon. gera«
braakt. 343.
----------Joris zoon gera-
braakt, 343.
----------Meynfen zoon. Ou-
derman. 370.423.439.461.
482,
---------Peterjans zoon zoon.
Ouderman. 3, 64. 92. 106".
119. 250. 301. Raadt. 42.
Schepen. 161. gebannen.
328. geld op zyn Jyfgezet.
370.
|
|
||||||||||||||||||
|
|
vry in te brengen. 154. Lange (Jande)0ud.erman.5i4
|
|||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
fiLADWYZER,
JLangerak (Jan van) verzocht Leyen (met) de huizen te dek-'
eene buitengewone rechts- ken. 30.
pleging byte woonen. 470. Libel m Libelmeejlers. 296.
Langevliet uit te wateren in 297.
het Waterfchap van de A. Lichte gezellen. 244.
300; -------wy ven waar te woonen.
Lsrt£ie(Tymande)Raadt.34. .37.
ui. 149. Ouderman. 99. Licitenap(Gofwin)Raadt.34.
Lanteetne ieder voor zyne |
|
||||||||||||||
|
|
deur te hangen. 246.
Ltmtrecht, 127. Lantscraon of Lantscrme (A-
driaan van) Schepen. 226.
260. 285-334-307-421.437.
4S9- 479- 503.
-(Braem van) Raadt
|
|
----------(Gysbert) Ouder-
man. 460. 504. Raadt. 480;
----------(Henrik)Ouderman;
35- 64-99. 297. Raadt. 78.
149.
Licbtenberc i(Alfer van)Raadti
105. 194. Ouderman. 119. ftera in zynen Gilde beno- men. 155-Schepen. 194.
---------------(Braam van)ftem
in zynen Gilde benomen,
155. Ouderman. 308.438. 460. 480. 504.
;-----------( Jacob yan )
Raadt. 50.70. 220. Ouder-
man. 92. IOÖ. 202;
---------------( Jacob van )
Prooft van St. Pieter de
Stadtontzeit. 128. eenjaar uitteblyven. i83-Vicarius generalis. 280.283. mishan- delt van hetoproerig volk,; 319. verzoent met de Stadt; 477. vergelykt zich rnethet Capittel van S. Pieter. 479. 482.
(Jan van) Ouder-
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
no; ftem in zynen Gilde
benomen. 155. Ouderman. 195 235. Schepen.2i9.28S- 320. 349. 398.426. Borger- meefter. 260.
*-------(Jan van) Schepen.
2. 42.63. 77.98. Hoofdman
te velde. 39.- woond de be- legering van Everflein by. 56. ftem in zynen Gilde be- nomen. 155;
------------(Roetart van) Sche-
pen. 447.460. 495-S13'
Lawvenrecbt afgebrand. 423.
Ltde ( de Heerlykheit van)
aan het Sticht gebracht. 69.
Ledebuer (Henrik; Veld-o ver-
fte van den Biflchop. 245. 340.
Lekkendyks rekeningen. 153'.
waden te ftoppen. 272. be- neden dams Schouw-brief. 453-
Lewe (Godevaert die) Raadt.
63-
Lewenbercb (Herman van)
Schepen. 466. 495-
Leyden belegert en ingeno-
men. 238. 239- |
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
man. 35-.
50. 90. 118. 269-333- ge- bannen. i27.Schepen.r2OO; 285. 300. 420.
(Jan van)Beernts
|
|
||||||||||||||
|
|
|
|
|
|||||||||||||
|
zoon.- Raadt. 105. uit den
Raadt gezet. 128. geban- nen. 129. weer in te ko- men. 177- IS3- Schepen,
Mm
|
||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
BLADWYZER.
a 19. Borgermeefter. 225. trouwt tegens den zin harer
Licbtenbercb (Jan van) de jon- Voogden. 66. 67.
ge, Schepen. 234.249.260. Losuderjloot (Splinter van)
513. gebannen. 318. Ou- verzoent met den Biflchop.
derman. 428. Borgermee- 67.
tier. 495. Loencn (Claes va») Schepen.
---------------(Jan van) Proeys i. 78- 98. no. 149. 194.
zoon. Borgermeefter. 480. 260. Raadt. 70.
---------------van Lantscroon----------(Claes van) Ouder-
(Johan van) Schepen. 447. man. 287.322- geldopzyn
|
|
|||||||||||||||||||||||||||
|
|
lyf gezet. 370.
---------( Claes van ) Jacobs
zoon. Ouderman. 52. Ca-
ftelein van het huis Ter Hord. Si. Schepen. 219. 234. 260.
---------(Dirk van) Ouder-
|
|
|||||||||||||||||||||||||||
|
|
Linden uitgeplondert. 342.
Linfcboten (Herberen van)Ou-
derman. 71. 99. nr. 150.
220. 235.
Lit, ook Litte (Henric van)
Ouderman-35. 51. 92.111.
150. 195. 227.
|
|
|||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Lochorft (Gysbert van) geban-
nen. 179' |
|
|||||||||||||||||||||||||||
|
|
man. 323.
- (Johan van)onthoofr.
|
|
|||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
-(Herman van) Dom- 346.
deken, fticht oproer. 130. Lmge (Adriaan Ter) door
gebannen. I70.mishandelt. Vrouw Jacoba naar Utrecht
346. verfchil met het Ca- gezonden. 343.
pittel. 433. Loosdrectts grensfcbeidinge.
----------(Jacob van) Sche- 45-
pen. 42.63.Ouderman. 78. Louwe (Claes) Ouderman.
99' 111- gebannen. 170.179. 335- 449- 468. Raadt. 398.
waar zichonthouden heeft. (Ghife ook Ghift-
206. brecht en Gysbert) Ouder-
----------(Jan van) woond de man. 196. 220. 262. 497.
belegering van Everftein Raadt. 235. 286.
|
|
|||||||||||||||||||||||||||
|
|
by. 56.
Lief Hendriks zoon geban nen. 359 |
|
----- Maas zoon. Ouder-
|
||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
man. 52.
Lubbert Banen zoon. Ouder- |
|
|||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||
|
Loenderjloot open flotdesGe- man. 322.
ftichts. 82. Lubie (Jan) Ouderman. 287.
~----------( Henric van ) Lunterfcbe beek toegeftopt.
Raadt. 226. 250. 270. 368. 512.
42T. 438.459. 480. Ouder- Lupaert (Michiel) Ouderman.
man. 335- 504- 322.
-----------(Huge van) be- Lutticbenbuys (Braem van)
houd zyn borgerfchap op Raadt. 503.
Loenderfloot woonende. --------------(Gheryt van "l
|
|
||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Ouderman. 468. 496.
'---------( Henric van )
Raadt.
|
|
|||||||||||||||||||||||||||
|
|
66.
|
|
|||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
-( Ifabell* van )
|
|
|||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
BLADWYZER
|
|||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
Raadt. 51.71.91.106.448.
Schepen. 118.161.320.
Lyeboert Willams zoon. Ou- derman. 163.
Lyfrenten in Holland kopen-
de geen recht op te doen.
260,
M.
Arfaaclgeld. 372.
Maallyéen door de Stadt
Utrecht gegeven. 343.395-
Maarfcbalken door wie aange-
flelt. 81. hoe recht te doen.
124-267.268.
Maelftede (Cornelis van der)
Ouderman. 271.
Maerfen ook Merfen (Geryt
van) Ouderman. 302. 335.
369. 4?2-468. SiS-
----------(Wemmer ook Wer-
naer van) Ouderman. 228.
262. 287. Raadt. 321.350.
399- 427- 495-
---------(Willem van)Ouder-
man. 36. 52. 107.120.163.
202. Raadt. 71. 91.
Maerten (Sint) avont vrolyk
doorgebracht. 259.
Maet (Daem van der) Ouder-
man. 79. Raadt. 162.
----- (Johan van der) geban-
nen. 328.
Malfen geplondert. 341.
Malfem (Henrlk van) Raadt.
467-
Man twee wyven getrouwe
hebbende, hoe geftraft.248.
Manderen (Henrik van) Ou-
derman. 44.
Manewyc (Willem van) Ou-
derman. 250.
Marie Capittel (Sint )beletin
|
|
||||||||||||
|
|
Marktdag wanneer te houden.
492.
Marktplaats van boter, melk
en eieren waar. 469.
Martin Brunus zoon geban-
nen. 129. Ouderman. 202.
---------Mathys zoon. Ou-
derman. 36. 79.107.220.
Martens ( Gheerlof) Ouder-
man, in.
Martin (Vrederic) Raadt. 43.
64. 99. Ouderman. 80. O- verile Ouderman. 112. Schepen. 149.
Martinus de vyfde Paus doot.
434.
Maf eb (Gheryt van der) Ou-
derman. 43.
Maurik uitgeplondert. 342.
Meer (Dirk van der) Ouder-
man. 52.93. na. 151.
----- (Jan van der) Ouder-
man. 422. 460. 496. Raadt. 514.
----- Jan van der) Jans zoon.
Schepen. 437.
Meerh (Dirk van) Ouderman.
36-
-------( Jan van) Ouderman.
65.80.100.112. gebannen.
i?9.
Meern (Willem van der) Ou-
dermau.27i. 303.335.369.
Meerten (Gelis Dirks zoon
van) onthalft. 470,
Melis Dirc Willems zoons
zoon. Raadt. 106.119.162.
Afe/yfAernts zoon. Raadt. 2. Mme wyven wie en waar te
wonen. 37.
Ment Brunincx zoon geban-
nen. 328. |
|
||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||
|
|
het invorderen der Thinfen Mergsngeld hoe betaald. 273
|
|||||||||||||
|
|
uitgefchreven.349.
|
|||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
te Yflelftein. 284.
Mariekloojler verbrand. 342. 396. Mm 2 |
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
.
|
|||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
|||||||
|
|
BLADWYZER.
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
Moerkem (Henrik) Ouderman.
3 69-
Moerkin (Henrik) Raadt. 2.
42. Ouderman. 106.
Molenaars loon. 431. voor- recht. 461.
Mondvyc (Willem van ) Ou-
derman. 287. 335- 369. Monick (Henrik de) Ouder- man. 261. Monikendam (Claes Jans zoon
van) Ouderman. 496-
Msntfoort(]zn Burggraaf van) waarom misnoegt op den Biflchop.i3i.i32.zynege- fchillen met den Biffchop vereffent. 193. verlyt met Linfchoten, Hekendorp en den Weerd. 351- met van den VeerenPolsbroek.397.
----------- ( Lodewyk van )
verflaat die vanOudewater.
252.
-----------(Sweer van) woon d
de belegering van Ever-
flein by. 56. verlyt met hec Dykgraaffcbap van den Lekkendyk. 57.
-----------(Willem van) Veld-
overfte. 340.
Mtuwer (Peter) Schepen. 118.
161.
--------- vafl Scharpenborch
(Timan) gebannen. 179.
Mouveric Henriks zoon. Ou-
derman. 65.
Muntprys onzeker. 41.
N.
7\7aaWwj'ür(WilIem van) door
Vrouw Jacoba naar Utrecht gezonden. 343. Afe/7«(Gerycvan) Ouderman.
497-
Ne ff s
|
|
|||||
|
|
Merode (Richard van) ont-
fangt erfpacht goederen.
397-
Merwede (Dirk van) Raadt
van Vrouw Jacoba.343-ver- zocht eene buitengewoone rechtspleginge by te woo- nen. 470.
Meurs (de Graaf van) dreigt
eenen inval te doen in het Sticht, 499. hem te weder- ftaan. 500.
------(Dirk van) komt t'U-
trecht, en waarom. 281.
------(Walraven van) tracht
het Bisdom te verkrygen.
281. verkoren van zommi- ge Canoniken. 453. waar zynen zetel vefticht. 455. zyne verkiezingeafgekeurt van den Paus. 456. onwet- tig verklaart. 472.
Meyer en Meyerlingen wie
zyn. 385-
Micbelem Ouderman. 271.
Micbiel Janszoon. Ouderman.
52.107.164. 202.
-----Jordens zoon. Ouder-
man. 235.
-----Thomas zoon.Ouder-
man. 4.79. ico. Raadt. 43. 65- IIP-
Middendorp (Johan van) zeit
het Sticht den Oorlog aan.
342.
Minden ook Mynden (Melis
van) Raadt. 110. Schepen.
149. 200.
--------(Willem van) Sche-
pen, i. 42. 63. Mtffen in het openbaar te
doen. 394-
Modde (Reynier) Raadt. 350.
495.514. Ouderman. 400.
428. 468.
|
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
|||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
Y Z E R.
|
|||||||||||||
|
|
B L A D W
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
Neffe (Jacob van) Ouderman.
236.
Nieuwe gracht wanneer gegra-
ven. 523.
Noede waar gelegen. 9.
Nocebocm (Jan) Ouderman.
SOS-
Nyekerk verbrand. 257.
Nyenrode (Gysbert van) Ru-
waard van het Sticht. 280.
verlyt met het huis te A-
merongen. 458.
- (Otte van) woond
|
|
103. 296. door wie aange-
ftelt by het ledig ftaan des Biffchops ftoel. s8o. Ogbe ook Oge (Aernt) Ou- derman. 272.323.351.423. 461. 468.497- Oijl (Otto Gerritszoon van)
onthalft. 470.
Ommeren uitgeplondert. 342.
Oproer. 314. 315. 316. Opftant als voorvald wat te
doen. 134.
Otte (Arm) Ouderman. 439.
----- Peters zoon Ouderman.
481.
Oude gracht wanneer gegra-
ven. 523.
Oudelle waar gelegen. 73.
Ouden Gbeyn ope flot des
Stichts. 82.
Oudermannen mede te velde
getrokken. 39. 40- plicht in het verleenen van hetbor- gerfchap. 440. 441. 442. mede te waken. 489. Oudmoggbe (Marien) Ouder- man. 3. 43- 0«ii«»ater(dievan) geflagen.
252.
1-----------(Herman van) Ou-
derman. 150.
Overcamp (Mouweric) Ouder-
man. 71.
Over Ryn ziet Ryn.
Over de Vecht, ziet Veelt. Ow/pdhoegeftraft. 216.217. - 490. 491.
Overjlen bezetten Stadts am-
bachten. 49. borgen voor de Cameraars. 44. Overyffel geene fterktens in te bouwen. 83.84- in den ban gedaan door Sweder van Cuylenborch. 319- |
|
||||||||||
|
|
de belegering van Ever-
flein by. 56. Nyenvelt open flot des Stichts.
82.
Nyenvelt ( Bertelmeus van )
Raadt. 467- S H-
-----; (Henrik van) Sche- pen. 426.
---------- ( Steven van ) Sche-
pen. 421. 503. Borgermee- fter. 4 79-
----------(Willemvan) Bor-
germeefter.i9S.Raadt.234.
261. Schepen. 285- 348. Ouderman. 399. Nymegbm, ook Nimagen (Pou- wels van) Ouderman. 3.52. Nypyfer (Jan) Raadt. 250. 236. 334- 3<58-
---------- (Tideman) Raadt.
411. 438. 459. Schepen.
480. 503.
O.
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
flemtren ( Herman van )
w Raadt. 34. Ouderman.si.
119- 163.
Oerve/tt hoe gedaan. 85. 86.
87-
Qffkitul wanneer over wee-
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
reldfche recht oefende. 102.
Mm
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||
|
|
s
|
||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||
|
|
BLADWYZER.
Peter Jacobs zoon.Ouderman.
P. 202.
----- Jan Kinhtlaars zoon.
paedft (Jorys) Ouderman. Ouderman. 3. 43.
322. uit den Raadt ge- ----- Jans zoon. Ouderman.
zet. 328. 35. 71. 150. Schepen. 50.
Paelvoet (Egbrecht) Schepen. 98- 109.
98.270. Raadt. 119. 162. ----- Stevens zoon. Raadt.
195.219.235.261-321-399-
427. 467.514. Oudernian.
35I.449-497-
f karden geflagen. 364. S. Pieten Capittel ve.rkrygr de |
|
|||||||||||||||||||
|
|
----------
|
||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||
|
|
|
|
Ottenfpoorfche Tienden.
487.
Clauftrale huizen
|
|
|
||||||||||||||||
|
Paep (Andries) Ouderman.
3- 44. 65. Raadt. 99.
Paenwe (Wouter) Ouderman. |
|
|
|||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||
|
|
106. 150.
Parve (Wouter) Ouderman. |
|
door wie te bewoonen.i 58.
flraat en fteegje ge- |
|
|||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||
|
|
71. maakt. 112,
PaJ/oertQacob) Ouderman.3. Philips Hertog van Bourgon-
PaJJcbe ook Paffe (Faes van dien teonvreedeop die van |
|
|||||||||||||||||||
|
|
den) Ouderman. ioo~. np.
201. 261. 504.
Paus bullen &c. in de Stadt
niet te brengen. 347.
Pawe (Dirk) Ouderman. 71. Peerden hoe met te velde te
gaan. 253. 254. 855. 502.
Peftziekte. 512. |
|
|||||||||||||||||||
|
|
Utrecht en Amersfoort.
336. beoorloogt hen. 337. afgeflagen voor Amers- foort. 337. 338. bevredigt. Ziet Vrede, geeft eenen brief aan het Sticht. 417. Ploecbmaker (Heiman) Ouder- nian. 428. |
|
|||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||
|
|
Peter Herman Matbys zoons Poelgeeji (Geryt van) door
zoon. Ouderman. 106. Vrouwjacoba naar Utrecht
Hermans zoon geban- gezonden. 343.
nen. 329. Poorten buiten de Tollenflee-
----- Huberts zoon. Raadt. ge. 298.
270. 334. 467. Ouderman.--------wanneer te ontflui-
303. 369. 439- 496. ten. 154.
----- Hubrecht Daniels zoon. Poortiers zorge omtrent de
Ouderman.369. Raadt.459. Poorten. 155.
480. ------------------omtrent de
----Hugenzoon. Raadt-si. gevangenen. 451.
Ouderman. 99. m. 150* Poflulaet enPoJlulaetsguldens.
196. 289- 251.
- Jacobs zoon. Raadt. 2. Pet (Aernt) Ouderman. 35.
98. 201. Ouderman. 79. (Geryt) Raadt. 162. Ou-
I'P' i63. derman. 336.
Pot
|
||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||
|
|
||||||
|
|
B L A D W
fat (Jacob) Oüderman. 312.
497- 515-
(Jan) Ouderman. 4.. 44.
Borgermfiefter. 77.110.234. 320. Schepen, pg. 149.194. 218. 260.348.398. Raadt. 28<5. 426-
-----(Jan) Janszoon. Raadt.
Ho. 149,
-----(Mattheus) Schepen. 34.
72- 105. 200. 269. Raadt.
Si- 9i. 2SO. 333- 368-4zi- Borgermeefter. 93. Ouder- min. j2o. 162. 228. 303. 439- ' ( Winant) Ouderman.
127.
Pot Overcamp (Jan) Ouder-
man. 3.
Pouskyn Ghifebrechts zoon,
ook Pouwel Gysberts. Ou- derman. 439- 468. Proeft (Wille») Raadt. 480.
Ouderman. 504.
Fneys (Aelbert) gebannen. 318. Schepen. 398.
------(Aernt)gebannen.3i8-
verwekt oploop. 352. geld
op zynlyf gezet. 353.354. 371. onthooft. 371.
------(Beernt) Hoofdman.26.
woond de belegering van
Everltdn by. 56. Schout geftraft. 85- 86. 88. geban- nen. 119. weer in te komen. 183. Raadt. 201. 226. 270. Borgermeefler. 24.9. 301. zyne drift omRudolph van Diepholt tot Biflchop te doen verkiezen. 283. ver- moort. 315.317- 3i9- ------(Jonge Beernt) Sche- pen. 34.50.70.92.234.260. 2.85. geflraft en waarom. 15.116. gebannen. 129.318. |
|
||||
|
|
Y Z E R.
weer in te komen. 183-
Ouderman. 221. 350. Proeys (Jacob) gebannen.3i8. Ouderman. 335. 369, 422. 439. 481. Borgermeefter.
459 5°3-
-------([ohanj Raadt. 334.
------- (Johan) Domdeken.
434-
-------(Roetairt) gebannen.
318. Ouderman. 449.
Proeys van Licbtenbercb ( Jo-
han) gebannen 318. Bor- germeefter. 368. 438. 503. Schepen. 422. 458.
Proviforen in ordre gebracht.
45°-
Pul, ook Pyl (Dirk) Raadt.
34. 51.63.71.149. Ouder- man. IOO. 112. 196. 221.
-(Geryt) Ouderman. 150.
220. 235. 271. 427. 460.
496.
(Siraon) Ouderman. 52.
196.
- (Tyman) Ouderman.i 11.
Raadt. 149.
Pyncn wie. 39.
R.
ï? aaien mede te veld getrok-
v ken. 39.40. niet tebly- ven zitten over hunner nabeftaande zaken. 44.7. mede te waken. 489. niet alle ten Capittel te komen. 491. geen leenplichtige of in andersdienfttezyn. 506. 507. 519. 520.
Raadt wanneer verkoren, r.
ftelt accynfen op en af. 203. geeft de borgers kenniffe van de uitzettingen der fchattingen, en waarom. Mm 4 ayi. |
|
||||
|
|
||||||
|
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
|
|
|||||
|
|
B L A D W
0-72.273. gezag in de Stadt.
397.501.522. ftaat de rech- ten hunner borgeren voor. 224. 509. kan nietbeftaan zonder de trouwigheit der borgeren. 441.
Raianus door den Paus tot Bif-
fchop benoemt. 288, ziet 'er van af. 289. 290. Raepborft ( Ghifebrecht van } Ouderman, in. 163. 202. 322. 490. Raadt. 456. --------- (Johanvan) Ouder- man. 369.515. Raadt. 448- 407-
Ram (Henrik) Ouderman.25i.
303. gebannen. 328- geld opzyn lyf gezet. 370.
-----(Henrik) Aernts zoon.
Raadt. 149.
Jiegijlergelt bepaald. 267.268.
Reinout Hertog van Gelre krygt Gornichem en het land van Arkel. 104. fhat daar van af. 117. gunflig aan de Utrechtenaars. 139. vyand van het Sticht. 232. tracht Amersfoort te over- meefteren. 241. 242. 243. Rekem verbrand. 257. feneffe (Jan van) Heer van Wulven woond de belege- ring van Everftein by. 56. en zyn zoon borgerfchap gegeven. 179. totRuwaard van het Sticht benoemt. 280. gebannen. 318. neemt de Stadt Utrecht in. 325. ReneJJe van Baern (Jan van ) woond de belegering van Everüein by. 56. Rcyner Arnts zoon. Raadt. 334.42 r. 503. Ouderman. 370.439- 482. r-----4efnt Wiljams zoon |
|
Y Z E R.
Ouderman. 221.236. Raadt.
261. 286.
eyner Koenen zoon. Ouder-
man. 2C2.
benen verbind zich met de
Staten tegens Walraven van Meurs. 473.
(Godefriéd van) Bou-
wer yan het Kafteel Ter Horfl. 80.
idder (WWem de) Ouder-
man. 335-
van Groenefteyn (Wil-
lem de) woond de belege-
ring van Rverftein by. 56.
idderfcbap wie in den Jare
1436. uitgemaakt hebben. 472.
ilte (Dirk die) Ouderman.
99- in-
iqivyn , ook Ryqwyn Jans
zoon. Raadt. 34. 50. 91. 105.118- 194. 219. 234. in vyftien jaren in den Raadt niet te komen. 129.
obbert Jans zoon. Ouder-
man. 351.
ode toorn een gevangenhuis.
450.
odenburgerbrug waar van ge-
naamt. 325.
oedinck (Geryt) Ouderman.
48r.
elof Timans zoon. Raadt.
250.270.334-368.411.459.
480. 504. gebannen. 318.
Ouderman. 439.
gge (Bran t) Ouderman. 111.
I9<5. 235.
fendail verbrant. 257.
yen (Dirk van) gevangen.
332-
tger Claes zoon. Raadt.
514-
r Egbrechts zoon. Ou- |
||||
|
|
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
||||||||||||
|
|
BLADWYZER.
|
|||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
derman. 423.461.
Ruwtel (Dirk van) Ouder-
man. 220. 271.
Ruyfcb, ook Rvfcb en Ruflcbe
(Claes) gebannen. 329,
~ - (Dirk) Raidt. 2.
------(Egbert) Ouderman.
65-
------(Evert) Ouderman.
5'5-
*------ (Jan) Raadt, 2. 26.
448.495. Ouderman. 262.
287.323. 516.
-------(Jan) Peters zoon.
Raadr, 260. 286. 334. 368.
421.438. 459.480.503.
-------(Peter) Schepen. 34.
50. 70. 91. 105.421. Ou-
man. 370. 468.
Rycke (Gofen van) gevangen.
332.
Ryem (Lieboert) Raadt. 226.
270. Ouderman. 250. 302.
335-
Ryn hoe te fchouwen. 491.
Ryn (Arntover) Ouderman.
427.48^
<- (Dirck over) Raadt. 495.
----- (Ermbrecht over) Raadt.
194. 219. 234. 286. 321.
348.421.438.459- Ouder, man. 481.
----- (Ghifebrecht van den)
Ouderman. 150. 195. 220.
235. 261.286. 321.
- (Jan van) gebannen. 68.
Ryningen (Otte van) Ouder-
man. 460.
Ryfenbercb (Ghifebrecht van)
Schepen. 503.
S.
CaM (Claes) Oüderman.36.
* J2.72.ioo.i5o.Raadc.iii. |
|
Sas (Henric) Raadt. 50.
Save (Dirc) Raadt. 91. |
|
||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
162.201.226 249.270.301.
334. 368.421- 438480. Ou- derman. 460. Scattcr (Henric) Dpmdeken.
434-
Scavaert , ook Scbavert (Jan)
Ouderman. 4. 65. 196.
Raadt. 7 8. 99- 110.148.
Schade , ook Scade (Ghife-
brecht) Ouderman.79-102.
-- (Wïllem) Schepen.
118. Ouderman. 201. 227.
250. 270. 302. 350.
-- (Wouter) Ouderman.
164-
Schade van Tutte ( Willam )
Schepen. 2. 77. 98. Ouder-
man. 43. 64.
Schepenen te velde getrokken.
39. 40. meede te waken.
489-
- Clerksinttruaie.323.
366. 516.
Seberpenborcb (Marfelis van)
Ouderman. 52. 72.
- (Willem) Ou-
derman. 228. 272. 428.
Scberprecbter hoe genoemt.
269-
&tó/Jtne(Gheryt) Ouderman.
202. 251. 303.400.
Sciofppe(Jan) Ouderman. 150. Scbot (Jan ) Ouderman. 221.
235. 439- 460. Raadt. 302.
480. 504.
-- (Wouter) Ouderman.
468. Raadt. 495-
Scheut der Stadt geftraft door
den Raadt. 8$. 86. 88. 89.
een gebore borger te zyn.
89. waar te zitten. 125.
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
Sctót,
|
|||||||||||
|
|
Mms
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
BLADWYZER.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Schutters wimpel in de achter-
hoede. 26.
-------hoe veeletezyn. 85.
Scbuyr (Ter) verbrand. 257.
Scoute,ookScout(Geryt') üu-
dermau. 303.33S-439- 469- |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Borgermeefter. 33. Sche-
pen. 42. 77. Schout. 61. Ouderman. 65. 287.
Sloytr (Claes) Schepen. 320.
gebannen. 327.
------(Gysbert) Ouderman.
321.
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
------(Herman) Ouderman. ------(Henrik) Raadt^ 105.
3. 65. 79- 100. in. 196.
236. |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
------(Jacob) Ouderman.------. (Jacob) Ouderman. 3.
163. 262. 287. 369.422. 64. 99.261. 331.Raadt. 42.
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
449- 5°5.
------(Jan) Ouderman. 92.
106.119- 201. 250.
Serodekyn (Jacob) Ouderman.
79.111.150.195.220.235.
286.369.422.438.460.481
|
|
91.194.219.235.286.421.
Schepen. 50. 70. 77. geban- nen. 128.
-----(Jan ) Schepen. 226.
301. 348- 398. 426- 447-
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
.66- 494- 5-'3-
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
504. Raadt. 98- 260. ge- ------(Timan) Ouderman.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
bannen. 318.
---------- (Mattheus) Raadt.
34.106.119.219 235. Ou-
derman. 93. 196.
--------- ( Matheus Pou-
wels) Raadt. 201. Ouder-
man. 228.251. 272. man. 303.
--------- (Paulus) Ouder-
man. 399. 496. Raadt. 427. 448.467-514. |
|
262. 287. Raadt. 321. uit
den Raadt gezet. 328. Slufcman (Ghifebrecht) Ou- derman. 302. --------- (Jan)Ouderman.35.
5'- 71.
Slutb (Splinter van der) Ou-
derman. iy6. Slyc (Gheryt van) Ouderman.
322.
----(Splinter van der) Ou-
derman. 220. |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
(Peter) Raadt. 34- %*(Henrikvanden)Oudcr-
99.110.149.195.219. Ou- man. 29. 227. derman. 52. 80. Slykborgers wie. 90.
Seven Stolen (met} hoe den Slyt (Henrik van den) Ouder-
eigendom bewezen. 12. raan. 100.119.163. Raadt. Sigismund Keizer bevefticht 201. de voorrechten der Kerke Smalenvelt (Gerytvan)geban- |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
yan Utrecht. 200.
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
nen. 329.-
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Sleen (Steven van) Raadt. 2. Snellenbercb(Peter van)Raadt.
50. 70. Ouderman. 92. 202. 34. 51.105. 118. 235.261. |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Sloten (ope)des Geftichts. 82.
Skyer (Adriaen van) Ouder- |
|
286.321. Ouderman. 72.92.
Schepen. 348. 398. 426. ------------( Willem van )
Raadt. 448-495-514-
Set-
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
man. 461-
------(Claes) Raadt. 2. n 8. |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
W Y Z E R.
Sprenck (Vrederik) Ouder-
man. 230. Spronck (Dirk) Ouderman.
202. 228.
Stadt verboden een myl van
daarteblyven. 489.
Stadts Heelmeefters Inflru-
ftie. 74.
--------Klerk vry van dienft.
75. Inftruftie. 518.
----------Wimpel in de voor-
hoede. 26.
Staecke, ook Staeck (Henrik)
Ouderman. 150. rgfi. 220.
236.481. Raadt. 270.301.
Stomer (Henrik) Oudermati.
201.227.271.302.369.424.
481. Raadt. 249. 334.
Stapel (Jacob) Ouderman. 3J.
51-
Staten in de Stadt niet te zeg-
gen. 273.
Stawrt(Jan) Oudennan. 44.
Stediger woon. 462.
Steen (Jan) Ouderman. 427.
Sttenre (Belyevan)begifticht
het Karthuizer K loofter. 45.
-------(Herman van) Cafte-
lein op Stoutenberch. 8r.
Raadt. 35o.Borgermeefter. 398. Schepen. 426.
-------(Vrederik van) Raadt.
|
|
||||||||||
|
|
BLAD
Soekn geplondert. 342.
Spaen (Otte) Ouderman. 36Spakenburger dyk gemaakt. 97
hoe te onderhouden. 446
466.
Spengm (Jan van) onthooft
o?*3'
Spiegel (Jan van oen) OverftOuderman.3 5. Schepen. 5070. po. J18. 161. Borgemeefter. 105. ftichtoptoe130. gebannen, 170. trachte vergeefs weer in te komen. 173.
---------(Vrederic van den
Ouderman. 78. Schepe98.110.148. gebannen. 17179-
----------(Tol Jans zoon v
den) gebannen. 180.
Spikcr, ookSpyfcer(GerbranOuderman. 71.92.111.15227. 250. Raadt. 271. 30
--------(Gerrit) Raadt, doo
geflagen. 317-
--------(Godevaert) Raa
2. 42. 79.
--------(Henric) Ouderai
51. 74- 99- II9- 201. 2271. 335- Raadt. 162.
--------( Herberen ) Oud |
|||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
man. 369.
|
|||||||||||
|
|
|
- (]acob)gebannen.32p.
Splinter Beren zoon. Ouder- man. 43» 65. --------(Claes) Ouderman.4.
Raadt. 43- 64- 78- 99-
--------Egberts zoon. Ouder- man. 505. --------(Henrik) gebannen
3*9-
Loefs zoon. gebannen
179-
Spoel (Geryt van) gebannen |
|
|||||||||
|
|
368.
Steenvaarder wie, en zyn
Ampt. 451.
Steenweg naar de Bilt hoe te
gebruiken. 446.
Stekel (Willem van der)Raadt.
334-
Stemme» moeft vry gefchie-
den. 97-
Steven Ghifebrecht» zoon.
Ouderman. 71. g"-
.-------Hubrechts zoon. Ou-
|
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
derman. 220. 23?- 287'
Raadt. |
|
||||||||||
|
|
||||||||||||
|
|
||||||||
|
|
BLADWYZER.
|
|||||||
|
|
||||||||
|
|
Tetwyck (Reynier van) Sche-
pen. 334- 367. 421- 437- 459- 479- 5°3-
Teylingen(Simon van) Ouder-
man. 461. 515. Raadt. 495.
Tideman (Roelof) Overfle
Ouderman. 303.
Tienboven (Gheryt van)Raadt.
195- 235-
Ttman ook Tideman en Tyntan
Dirxzoon. Ouderman. 92.
150-
------Henriks zoon. Ouder-
man. 235.
------Henrik Pouwels zoons
zoon. Ouderman. 251.
------Jacobs zoon. Ouder-
man. 448.
------Ysbrants zoon. Ouder-
man. 3.
Tol (Jan) de Stadt verboden.
329-
Tollenaar door wie aangeftelt.
93. niet in Stadts Raadt te zitten. 94. flond onder de beveelen des Raadts. 94.
Tollefteegpoort (Buiten de) wo-
nende waar toe verplicht waren. 297. 298.
Toneelfpeelen vertoont. 221,
Tournoyfpeclen alhier geviert.
153- 203.
Toveryen hoe geftraft. 513.
Treflong verkoopt deHeerlyk-
heit van Stein aan Ter Goude. 502.
Trinde (Henric) Schepen.sor.
334- 367-
----- (Henric ) Vrederiks
zoon. Ouderman. 427.
-------(Jan) Schepen. 234.
260. 285.349420.447.46(5.
495. 513. Ouderman. 322.
399-
-------(Simon) doet vereerin- |
|
||||||
|
|
Raadt. 260. gebannen. 328.
geld op zynlyf gezet. 371.
Steven Jans zoon. gebannen.
329-
-------- Stevens zoon. Raadt.
249. 270. Ouderman. 302
335- 48i.
--------Zullen zoon. Ouder-
man. 43-
Stout (Jan) Ouderman. 71.
Stoutenbercb Stichts Slot. 80.
Straten hoe breed te moeten
zyn. 113.
Strimoet ook Strymoet (Evert
van) Raadt. 78. no. 438. Ouderman. 100. 150. 196. 262.322.351.460. 481.
Strokim (Jacob) Ouderman.
335-
Stryp (Machelem van der)
Raadt. 219. Schepen. 320.
Synodus jaarlyks gehouden.
153-
Sys (Claes) Ouderman. 427, |
|||||||
|
|
||||||||
|
|
T.
rpaets van Oudaan (Dirk,
* Cornelis, Ernft, Dirk
en Willem) woonen de be- legering van Everftein by. 56.
Za«tt(Eerft) Raadt. 504.
------(Jacob) Ouderman. 44.
------(Jan) Ouderman. 251.
303. 351.422. Raadt. 438.
459. 480. 503.
Taetfe (Aernt) Ouderman. 36.
52-
Tegelen (met) de huizen te
dekken. 30.
Terninc, ook -Terinc (Peter)
Ouderman.287. Raadt.349. 398. |
|
||||||
|
|
||||||||
|
|
||||||||
|
|
|||||||||
|
|
|
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
BLADWYZER.
|
||||||||
|
|
|||||||||
|
|
ge aan het Barbara Gafthuis.
158.
Trinde ( Timan ) Ouderman.
69. 196. 271. Raadt. 219.
--------' (Vrederic) Ouderman.
79. 163. 202.
Tur/Syzeopgeleit. 203. Tyellook Tidl(kmt van) Ou- derman. 335. 369.422.439.
460. 481.504.
-------(Borre van1 geldopzyn
lyf gezet. 33.
------(Jan van) Raadt. 43.64.
149. Ouderman. 79. 100.
112. 196. 220. 251. 271.
287- 3Si.
-------(Jan van) Otten zoon.
Raadt. 219. 321.426.448.
Ouderman. 236. 262. 400. 449. 468-
»
U.
j jde (Gerrit)gebannen.344.
M Uten Elsweert , ziet Els- veert. Uten Gaerde (Jan) Ouderman.
S- 43-
-------------(Willem) terdoot
gebragt. 173.
Utenbam (Reynier) Schepen.
349.398.426.466.495'Ou- derman. 449- Raadt. 514.
---------- (Vrederic en Peter)
verbinden zich met hun
huis niets vyandlyks te doen tegens den Biiïchop en het Sticht. 82.
Utrecbt (de Stadt) komt in
oorlog met den Heer van Arkel. 4. maakt verbond met Hertog Aelbert enWil- lemvanBeyeren. 5.6.7.8- 9.10. verkrygt veele voor- icchten van dezelve. 14. |
|
|||||||
|
|
15. 16. 25. 53. 184. 185.
188.189.190. bezoentmet Holland. 17.18.19.20.21. 22. trekt op tegens den Heer van Arkel. 26. tot 31. belet het bouwen van fterke hui- zen ten platten lande. 82. 83. verzoent met den Heer van Arkel. 117. vereffent hare gefchillen met den Bis- fchop. I2r. verzoent met Hertog Willem van Beye- ren. 174. tot 184. waarom jaarlyks 400. fchilden aan Holland geeft. 186. 187. met 150. man den Hertog te dienen. 188. bezoentmet Jan vanBeyeren. 221.222. in bekommerlyke omftan- digheden hoe zich redt. 236. 237. 238. duurte en fterfte. 258. 259. bevredigt met Holland en Gelder- land. 263. 264. 265- koopt den vreede met geld. 299. bevredicht met Gelderland. 379. en volg. appelleertte-
tens de voorzieninge van
weder van Kuylenborch. 290.303. handelt met hem. 306. tot 311. verklaart DiepholttotRuwaard.329. tracht de uitgeweekene Geeftelyken binnen te lok- ken. 331. raakt in fchulden. 348-377-378-leent geld van de ingezetenen. 396. komt veel te kort.42o. maakt een zegel. 470. verdeelt in vier vierendeelen. 522. Utrecbt (Staten van) geven eenManifeü uit tegensSwe- der van Cuylenborch. 344. tot 348. verb inden zich te- gens WalravenvanMeurs. 471. Utritk |
|
|||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
BLADWYZER.
Utrechtenaars waar geplaatfl Vallendael (Ches) Ouderman
beleg van Gorni- 504.
Vecht hoe te fchouwen. 491,
|
|
|||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
Vecht (Huge) verrader
|
|
ge-
|
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
vanArkel.32. inwatordre
te velde trokken.38-39-254- 255. hoe Tollen in Gelder- land te betalen. 144. 145. 146. helpen Yflelftein in- neemen en verwoeden. 200.213.224.225-getrouw aan Vrouw Jacoba. 206. hunne dapperheit betoont in het veroveren van Gor- nichem. 207. dankelyk er- kent door Vrouw Jacoba. 208. en volg. gehaat van de Heeren van Egmont. 239. doen verfcheide uittochten tegens hunne vyanden.245- eenige te Leyden onthooft On weerwraak daarover ge- bruikt. 246. worden ryker door den oorlog. 248. be- machtigen Amersfoort.337. voeren oorlog tegens Hol- landen Gelderland. 339. en volg. verflaandePicarden. 364. toonen niet verarmt te zyn in den oorlog. 419.
Utrechts Inwooners de Stadt
te dienen. 352. geboden ter Kerke te gaan. 354.
Uurjlotmaker (Henrik) ont-
hooft. 343. |
|
ftraft". 432.'
Vecht (Ghysbert over die) Ou-
derman. 35.52.
------(Jan) Raadt. pr. 234.
260. Schepen. 110.149.194.
------(Jan) Hermans zoon.
Schepen. 285-447-495- ge-
bannen. 344. Raadt. 398. Ouderman. 427. 467. 513.
------(Peter) Raadt. 334.368.
437. 459- 480. Ouderman.
422.
Vecbtkeuren verpacht. 108. na-
der bepaald. 474. Veelbier(Willeta) Ouderman.
449.
Veen (Henrik) Ouderman, s r.
119-
----- (Jacob) Ouderman. 227.
251.351.422.439-460.481.
Raadt. 321. 503. Veer (Peter de) Raadr. 321. Veefe (Geryt de) Ouderman.
490.
Velde (Gelys van den) Sche-
pen. 320. Ouderman. 351. Raadt. 398.
-----(Geryt van den) geban-
nen. 128.
(Riqwyn van den) Ou-
derman. 44. 65. 100. |
|
|||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
Velp verbrandt. 257.
P«/«»«geplondert. 341. Vento door de Stichtfche be- nadeelt. 512.
Verdrag tuflchen Jacoba en
,Jan vanBeyeren. 221. Verkent ordre op dezelve.228. 229.
---------van S. Anthoni en
hunne privilegie. 228-329,
230. Ver- |
|
|||||||||||||
|
|
V.
T^aartfcbe Rhyn waar door
byna onbruikbaar, 363.
Vaelbuer (Jacob) Ouderman.
322.
Valkenburg! Capel tot eene
Parochiale Kerk verheven.
292.
|
||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||
|
|
||||||||
|
|
B L A D W
Vcrwer (Aetnt de) Ouderman.
196. 220. 303.
-------(Michieide) Ouder-
inan. 287- 335-
- (Jonge Willem de ) Ouderman. 35. 52. 64.106. 119. 202. 227. 261. 2yr. Raadt. 73. 250. 334. 398. 427. 459. 481. 504. geban- nen. 115.
-------(Oude Willem de) Ou-
derman. 43.
Vianen (Te) dagvaart gehou-
den. 251.
------(Gysbert van) Ruwaard
van het Sticht. 280.
Vterbaken (Aelbert) gt bannen.
63.
Vleysbouwers geflagen. 325.
326. gild vernietigt. 433. Fleysbuis (Oude) afgebroken. 432. een gevangeniffe. 450. Wsysbuizen (nieuwe) getim- mert.433.44o.gelykebank- fleden te hebben. 471. Vliegber (Henrik die) Ouder- man. 65. 120.
Ylueten, ook Vluetcn en floten
(Ghifebrecht van) Schepen.
513-
----------(Geryt van) Raadt.
267. 438- 503. Ouderman.
303-
(WHlem van) Ouder-
|
|
||||||
|
|
Y Z E R,
man. 515-,
Vallenbwens Ommelanden
handveften verleend. 69.
Voorthuyfen verbrand. 257. Vos (Henric) Ouderman. 35.
71. 106. 119. 220. Raadt.
91. 162.
(HermanJOuderman.igó.
Raadt. 234. 260.
-----(Jan) Raadt. 201. 226.
-----(Jan die) Ouderman. 64.
271. Raadt. 321.
-----(Timan) Ouderman.3O3.
351. Raadt. 398.
Voskulm, ook Poskuyl (Dirk)
gebannen. 328.
------- (Evert van) Raadt.
350. 399. Ouderman. 428-
---------(Henric van) Ouder- man. 262. ---------- (Peter van) Ouder-
man. 100.111.195. Raadt.
149-
Vranck, ook Frenck , Gode-
vaerts zoon. Raadt. 260. 321.398-426. 448.467-514- Schepen. 349.
-------(Geryt) Ouderman.
496.
-------(Henrik) Schepen. 494.
-------Louwen Godevaerts
zoon. Raadr. 495.
Vrede tuflchen Hertog Ael-
bert en den Heer van Ar- kel. 32. tuflchen het Sticht, Holland en Gelderland. 263. 264. 265. 364- 365- 379. tuflchen het Stichten Philips van Bourgondien. 401. en volg. Vredebreuker hoe geftrafl. 372.
377-
Vredenburcb met welke ftee-
nen opgemetzelt. 80.
Vrediric Hubrechts zoon. Sche- |
|
||||||
|
|
man. 4.44.100.110. Raadt.
64. 78. voor tien jaren uit
den Raad geleid. 128.
Fotckt (Jacob de) Schepen.
1P4. 249. 269. 301. 367.
437. Raadt: 421.
Votcbt van Rinevelt (Jacob de)
Schepen. 226. 334.
Voet (Reynier) Ouderman.
in. 163.
fairdt (Evert van) Oud«- |
|
||||||
|
|
|
|||||||
|
|
||||||||
|
|
||||||||
|
|
|||||||
|
|
BLADWYZER,
|
||||||
|
|
|||||||
|
|
Wad (Jacob de) OudermanY
439-
------(Jan de) Ouderman.35*
50. Raadt. 70. pr.
-(Jan de) Claas zoon.
Ouderman. 460.
------(Johan de) Schepen.
426. 466. 513< Ouderman.
448.
------(Lodewyk de) Ouder-
man. 235. 287. 3Si. 5°4- Schepen. 260. 320. 398. Raadt. 426. Borgermeefter.
467-
------(Lodewyk de) Lubberts
zoon. Raadt, 2.33. 50. 70.-
105.118. 219. 320. Sche- pen. 33. Ouderman. 43.92.
Overfte Ouderman. 196.
-------(Lubbert de) Schepen.
447. Ouderman.496. Raadt*
SI4-
------(Pelgrim de) Schepen*
34.70.105. 249.367-458.
479- 503- Ouderman. 51.
92. up. 201. 227.170. 302,.
335. 422. gebannen. 155.
weer in te komen. 177.183.
Borgermeefter. 437.
-------(Dirk van) Raadt-447-
Wagens in de uittochten ge
bruikt. 502.'
Wagenlngen ingenomen. 259.
verbrand. 260.
IValicb Rutgers zoon. Raadt.
162.
Wdmer, ook Walmaer (Ghe-
ryt) Ouderman. 44.
----------(Huge) Ouderman.
228. 251.
---------- (Jan) Ouderman.36.
400. 481. Raadt. 427.
--------- ( Korskyn ) Raadt.
201. Ouderman. 228.
man. |
|
|||||
|
|
Schepen.n8.i6i,200,226.
Ouderman. 271. gebannen. 328.
Vrederic Jacob Vrederiks
zoonszoon. Ouderman. 35.
---------- Vrederiks zoon.
Raadt.448- Öuderman.468.
+96.
Fr«/anrf Kafteel. 22. 23, ver-
pand aan de Stadt. 8r.
Vreesvyk verbrandt. 31.
Vrencken, ook Vrenck ( Ghe-
. ryd)Borgermeefter.i. Sche-
pen. 42. Raadt, 63. Ou- derman. 196. 220.
---------- (Ghifebrecht) Ou-
derman. 220. 235. ^
------(Henrik)Raadt.23*,
Schepen. 226.249.269.301.
367. 466.
Vrenck vander Vliet (Henrik)
. Schepen. 334.
Vriefcn in oorlog met den Bif-
fchop. 83. bevredigt. 84.
Vrtede (Herman de) Raadt. 42.
91. 105.118.195-219.235. 261.286.320.350. Ouder- man. 71- 399- 427. in vyf- tien jaren in den Raadt niet te komen. 129-
------(Jan de) Ouderman. 3.
Vrouwen Broederfchap van de
minder Kalender. 167.
fuftinc, ook Vu-jftinc (Huge)
uitfchryver van de wetten
.. van het Domcapittel. 164.
165.
---------- (Jan)Ouderman. 251.
303. 428. 481. Raadt. 350.
399-
r--------(Mechelum) Raadt.
195. Ouderman 236.
W.
-jen uitgeplondert. |
|
|||||
|
|
|||||||
|
|
|||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Ë L: A D W V Z E R,
.mam 251. onthalft.490. Wefel (Jan van) Ouderman.
Wtlmer (Peter) Raadt. 2.43. 150.196.z£°- 236. 262. '\ |
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Weffel Jan Beren zoons zoon.
|
||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
119. Ouderman. 72.
|
|
93.
|
||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
107. 163.
- - (Simon) Oudermam |
|
Ouderman. 26 r. 287-
--------Jan Jordens zoon ge* |
|
|||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
bannen. 329-
(Tyman) Ouderman. fFe/ï*er*e(Rc»edoIfvan)Veld- |
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
4-65. 79. ioo. 151.163.220.
Raadt. 43. Overfte Ouder- man. 80. 120., Waffenaar (Dirk van) Prooft vanSt.Jan. 458.
( Jan van ) door
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
overfte v3n Philips van
Bourgondien geflagen.309.
Weyde (Dirk van der) Raadt.
42. 194. Sehepem 63.110.
219. Ouderman. 150.
(Gysbrecht van der)
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||
|
Vrouw Jacobanaar Utrecht Schepen. 33' Börgermee-
gezonden, 343. fter. 118-
Wedde (Jan van den) Oudep Wezd (Herman van) Ouder-
man. 99. 111. 150, man. 3. Weegen (binnen 's huis niet te) Wiel (Pieter van) van zyn ban-
boven vyftien ponden. 68^ niffement ontflagen. 177.
Weelde ook Weel en Weele(]m 183.
van) Ouderman. 202. 227. Wierze ( Gheryd van der)
251. 271. Raadt. 2. Ouderman. 44.
--------(Willem van) Ouder- 65. 151.
man. 42. icó. 196.220.230. Wilboert Meuten zoongeban-
262. 322. 351.428. Raadt. nen. 328.
ii8. 286. 399- 497- in vyf- «^//am(Dirk^ Raadt. 43. Ou-
tien jaren in den Raadt niet derman. 100.
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Willem Hertog van Beyeren
maakt een verbont met Utrecht. 8- 9- lo. neemt die van Utrecht in zyne be- fcherming. 53- Heer van Arkel gehuldigt. 76. maakt beftant met den Heer van Arkel. 77. metdenHertog van Gelre. 104. u 6. neemt de Utrechtfche ballingen in zyne befcherming. 133. ver- zoent met Utrecht. 173. en volg.geencvreede te maken zonder Utrecht mede te be- Zoenen. 188. overleden. 203. 204. |
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
te komen. 129.
Weerde (Jonge Jan uit den)
Ouderman. 71.
JFe«rt(Reymken die) onthalft.
470.
Weide van de Stadt verkocht.
440.
Weldige (Herman) Ouderman.
227. 250.
Wels(Jan) Raadt. 286.
Wely (Ywan van) Ouderman. |
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
287.
Wemmer (Jacob) onthooft.
343-
ïFérnaerBertouts zoon.Raadt.
Si
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||
|
Weje (Alard van) onthooft. Willem Aernts zoon. Ouder-
|
|||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
man. 400. 428. 449- 468-
N n 497- |
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
47°.
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||
|
|
W Y Z E R.
Wit (Henrik de) Schepen.
437- SQJ- Ouderman. 480. 485-
- (Henrik de) Jans zoon.
Ouderman. 64. 79. 99. m- 150.261. Schepen. 161.269. 333. Raadt. 194. 3or. uit den Raadt gezet. 328.
-----(Herman de) Ouderman.
35 V 399- 427- 449.
(Jan de) Raadt. 2. Sche-
pen. 42. 63.
-----( Jan de ) Ghysberts
zoon. Raadt. 2. Ouderman.
44-
----- (Jan de) Henriks zoon.
Ouderman. 163. 227, 271,
302. Raadt. 250. gebannen.
327. geld opzyn Jyf gezet.
370.
(Jan de) Vrancken zoon.
Ouderman. 79-
|
|
|||||||||||||||||||||
|
|
BLAD
497- 515.
Willem Arnt Willems zoonzoon. Ouderman. 351-
--------Geryts zoon. Ouderman. 515.
»------Henriks zoon. Raadt
34- ?o. 118. 162.200. 249301. Oudennan. 51.92.106
226.
Jacobs zoon. Raadt.
34. 111.421.467. Ouder- man. 150. 163.
--------Janszoon.Ouderman.
36. 52. 126. 303- 33<J. 37°.
449. 469. 505. Raadt. 70. 9L 105.
--------Tielmans zoon.Raadt.
162. 438. Ouderman. 336.
400. 516.
JVinfen (Godfcalc van) Sche-
pen 34.70.118.218.234-368. 421 .437.459. 479. Hoofd- |
||||||||||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||||||||||
|
|
man te velde. 39. Borger- ----- (Johan de) Raadt. 495.
meefter.si. Ouderman.505- -----(Lambert de) Raadt. 34.
(Jacob van) Ouder- ----- (Tymande) Ouderman.
|
|
|||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||
|
|
man. 400. 439, Raadt. 459-
480. 503.
--------(Willem van) Sche-
pen. 2. 42.63.98. IIO.I6I. 226. 269. 333. 420. 437-
458. 479- 503- Raadt. 78.
Borgermeefter. 249. 301. 367. |
|
|||||||||||||||||||||
|
|
107.
-----(Vranc de) Schepen. 105.
118. I6l. 200. 226. 249-
---- (Vrederic) Raadt. 119.
301. Ouderman. 236. 262,
287. Raadt. 301.
- (Vreeswyc de) geban-
nen. 344. |
|
|||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||||||||||
|
Wiffe Peten zoon gebannen. ----- (Willem de) gebannen.
|
|
||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||
|
|
3*9-
Wit ook Witte (Andriesde)
Ouderman. 3. Raadt. 43.
64. 78.98.110. 195.
'- (Florensde) Ouderman.
79-
(Henrik de) Ouderman.
3. 43.220.227. 302. Sche- pen. 63. 78. 98. 110. 269. |
|
119. weer in te komen.
177. 183. Ouderman. 202. 221. 227. Raadt. 249. 271. 302. gebannen. 327. geld op zyn lyfgezet. 370.
Wttvoet (Jan) Raadt. 99.110.
150-
Waarde (Dirc van der) Ou-
derman. 79. |
|
|||||||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||||||||||
|
|
Overfle Oudennan. 250. Weert (Willem van der) Ou-
|
||||||||||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||||||||||
|
Raadt. 286.
|
|
derman. 99- nj>. 163. aor.
250. |
|
||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
BLADWYZER.
571. 322. 350. 399. Torifen Wouters zoon. Ouder-
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
438. 450. 481. 504.
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
man. 468.
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
#W/(B«nrikde) Ouderman. TCsbrant Jans zoon. Ouder-
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
468. Sis.
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
man. 422. 439. 468.
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
- (Jacobde) Ouderman. TfeMyks waden té floppen.
195. 272.
Wolf van Hamelenberge (Ghi- Yfelfteyn ingenomen en ver-
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
febrecht de) Raadt. 495.
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
woeft. 206. 222. 223. 225.
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
5H-
|
|
17«f/l«yn(Aelbertvan) ont-
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Wonder (Herman) Raadt. 447. halft. 247.
Ouderman. 514. Tfendoorn^ Willem van) neemt
Workum ingenomen door Wil- Workum in. 54. zynhuwe-
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
lem van Yfendoorn. 54.
'oudegtin ( Alfer van ) ter |
|
lyk. 67. gevangen. 68.
Z. |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
doodt gebracht. 173.
Woudenberg verbrant. 341. |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Wouter Claes zoon.
|
|
geban-
|
|
~ n (Anfum) Ouderman.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
nen. 3*8.
--------(Dirk) Ouderman. 3. |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
44- 93-
- (Ghifebrecht) Ouder- |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
man. 44.
(Michiel) Oudermaa.
36. 72. 221.
zoon. Zanden (Claes van den) Ou-
derman. 220. |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
43-
--------Hermans zoon.derman. 302, 369.
--------Jan Reiners
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
onthaltt. 470-
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
--------Stevens zoon. Ouder- Zanten (Gheryt van) Raadt.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
man. 351- 468. 49«. 5'S-
Raadt. 421.438. |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
aor.
Zantwyk uitgeplondert. 341.
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Woutman (Herman) ter doodt Zoffe (Peter) Ouderman. 287.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
gebracht. 155. iso"- 170.
-------- (Jan) Raadt. 514. |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
335- 369.
Zeedyk ziet Diemer zeedylt. |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
(Willem) Schepen. Zincelbier (Jan) Ouderman.
91. 101.118.194.219.234. 52.72.100.151.196. Borgerfchap ontnomen en Zitttrt (Herman) Raadt. 105. |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
wedergegeven. 157.
Wybifjcbop bedient het vorm-
/el aan de armen om niet.
296.
Wyf twee mannen getrouwt
hebbende hoe geftraft, 248.
|
|
aco. 226.270. 301. Ouder^
man. 119. 250.
--------(Johan) Raadt. 349-
426. 467- Si4.
Zotne van eenen doodtflag.
372. en volg.
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
de_Stadt gegeven in Ztnufen&ak&(Bartelmeus)Sche-
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
proceffien. 478
y.
tangen (Willem van) Ouder
man. 515. |
|
pen. 261. Ouderman. 286.
30S- 399- 457- 467- 490. 514. Raadt. 321. ---------(Hubrecht) geban- nen. 344- |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
N n 2
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
||||
|
|
B L A D W Y 2 E H/
Zttermónt (Egbrecht) Raadt. Zulen (Steven van) Ouder-
162, 201. 249. man. 335. 368.
Zaermont (Weflel) Ouderman.------(Steven van) Willems
36. 65. 79. JOG. 202. 449. zoon. Ouderman. 438.460.
Raadt. 118- 226.467. ------(Tidemanvan) Ouder-
Zaten (Dirk van) Ouderman. man. 112. Raadt. 195.219.
92.107.120. gebannen. 179. 235. 286.
-----* (Geryt van) Ouder-------(Willem van) Schepen.
man. 468.496. ' 149.219.320.
----(Jan van) Ouderman. Zutoort (Herman)Raadt. 162,
71. ' Zuylen (Dirk van) woond de
(Jan van) Ouderman. belegering van Everftein
51$- 1>7- 56.
- (Lambert) Raadt. 194. Zuylen van Nievelt (Steven
459.480. Guderman. 220. van) woond de belegering
235. 261. 302. 335. 365. van Everftein by. 56.
.-422. 439. 515. Zyl (Roelof van den) Ouder-
-----(Michiel van) Ouder- man. 251. 468. Raadt. 350.
man. 151.
|
|
||
|
|
||||