-ocr page 1-
-ocr page 2-
-ocr page 3-

Vquot; vr;

quot;• A

sm.

Aquot;;;:

m

v\'y.ftv - ;■/-\' i\'

if#

ü

mil.

%%\'■\'

\'y^\'-

m

HERDERLIJK MANDEMENT

OVER HET

:A1

SACRAMENT DES HUWELIJKS.

;;x.pquot; ^:

7\'.

\'\'S.:

IS

:-nm

quot;SVf-;-y,-k.gt;;

Èa^fe»

Ki^Ss\'

SPI

-ocr page 4-

. \'- ---

■ - -: -: •■ V . -

W-

- 1- : - .-•

Lv** f-\\-

r- v ■;■— ■

--v\'

::^r;quot;

• \'.-■ /-•quot; quot; ■ u \\, - \' -

W^:

x-;^-..\' ■.:

- • jT\'^vUtf» \'ó \\

yjszh?:

J3s \':■ ■■ .:gt;■ ;-

rquot;- \'-■- ■ \'

ikê-bïv-;:

1 „■: -

p: . yWrW-

V:-quot;;- ■- -gt; - \\-. . . • . .:,. - :

„y - .-,- -lt;■- \' - •; quot;

■ ^v::, ■..;••/ ^ ^ ^

-■ ^ ^ .r^ gt;\' -r,/vrr^

- \'\' - \'•■\' quot;■.\'y,

- r:;ri.

_____ ,-. i . „ ______

iittgrv .;■_- ■■■.■ -

\';ï\' : :;, -■ ,- ; -Ó - ■■ ■-■-•

m ^ wMp\'quot;


—? ::

Sï ■ • :-V\' gt;-■: i \\ - J

m:^ :r ■5,;: ■ /

ïMc.\' ^S \'s: ■-■: - :i:: :fi: fi\' ^.g;Sïi

.«.-•-■ quot; quot;• ; ••••• -,1 quot; .\' • • \' - \'■ •■-: v quot; \' • - ■••\' ; -•- ... •quot;■ . quot;quot;\'.■ y\'--h1 Vgt;;V

ss • - - ■ • mmrnm

v,

i

r: ■ ■-/, ■ r

p^^rquot;\'

\'M

if;.

gt;quot;^5

\'■ ■: \' - ■•

\' _ :\'--V ; -

-.V ■ \'■ . • ■. ■-•

r ^ iti.

-• s^-

\'•\'\' ^ 7V i;i ;-v.-,.: ::

■ ii-

: 1 \' - ■ -:~t

vgt;-gt;p quot;■

r {r

\' • gt;- . quot;; ;: •\'\' \' quot; gt;\' .

quot; ^ ^ quot;

v^:V:.i-:- ^^:^:v^

;v ^ ^ ^ ^ ^ %

-.-■V ■ • - . • .. ■ % ■■ V ■ ■ ■ \'- ■

A; I®S^ r:\' fè-iC

\' V-\'.\' r - vquot;\' - : ■-■■■v..:

f-ü v\'./-

.........................■ m \'miÊ.....Ir \' quot; .............. \'quot; quot; ...... quot; \'

■quot;\'\'\' \'Mf-\'\'

-ocr page 5-

lt;3 ta C . ó lt;■ x

HERDERLIJK MANDEMENT

VAN DEN

AARTSBISSCHOP VAN UTRECHT

EN VAN DE

BISSCHOPPEN VAN HAARLEM EN DEVENTER

OVER HET

SACRAMENT DES HUWELIJKS.

ROTTERDAM.

RICHARD RRTSBERMAN, FIRMA H. T. HENDRIKSEN. MDCGCLXXXIX.

-ocr page 6-
-ocr page 7-

JOHANNES,

Aartsbisschop van Utrecht;

CASPARUS JOHANNES,

Bisschop van Haarlem;

CORNEL IS,

Bisschop van Deventer;

aan

HUNNE GELIEFDE ONDERHOORIGEK,

zoo geestelijken als leeken, genade ex vrede.

Velen in de kalholieke kerk hebben aangaande hot huwelijk oen onjuist begrip. Zij houden het huwelijk en het sacrament des huwelijks voor één en dezelfde zaak. Dil is eeno dwaling, üo leer der katholieke kerk daaromtrent is duidelijk.

Het huwelijk is door (iod ingesteld. Het is de echtverbintenis van één man en ééne vrouw voor den duur van hun leven. Niemand mag scheiden hetgeen God vereenigd hoeft. Slechts do dood verbreekt den band des huwelijks. (Mark. X: I Kou. VII; 39.)

Van deze oorspronkelijke instelling waren do monschen, aan hunne hartstochten toegevende, allengs meer on meer afgeweken. Eén man veroonigdo zich met meer dan ééne

-ocr page 8-

4

vrouw. Ook liet men echtscheiding loe, en achtte den band des huwelijks daardoor verbroken. Dit waren misbruiken, strijdig met de oorspronkelijke, goddelijke instelling.

Christus, onze Zaligmaker, heeft die misbruiken veroordeeld en afgeschaft, en daardoor het huwelijk tot zijne oorspronkelijke instelling teruggebracht. Aan die oorspronkelijke, goddelijke instelling zelve heeft Hij echter niets veranderd. „Ik ben niet gekomenquot;, zegt Hij, „om de wet en de profeten te vernietigenquot;; dat wil zeggen: om iets van hetgeen God bij de wet of door de profeten verordend heeft te niet te doen.

Wat heeft dan Christus ten aanzien van het huwelijk gedaan ? Hij, die gekomen is om in alle behoeften van den mensch te voorzien, heeft ook voor hen gezorgd, die den huwelijksstaat aanvaarden. Die gekomen is om ons de genade te verdienen, zonder welke wij in geen staat of toestand des levens iets tot onze zaligheid vermogen, heeft gezorgd, dat het ook den gehuwden niet aan de noodige genade zou ontbreken. Te dien einde heeft Christus een genademiddel of sacrament ingesteld om het echtverbond van man en vrouw te heiligen en te zegenen, en om aan de echtelieden die genade te schenken, die hun onvermijdelijk noodig is om in den huwelijksstaat christelijk te leven en de verplichtingen van dien staat getrouw te vervullen. Dit genademiddel wordt in de katholieke kerk het sacrament des huwelijks genoemd.

Zoo zijn dan het huwelijk en het sacrament dos h u w e 1 ij k s twee verschillende zaken. Het huwelijk heeft van den beginne af bestaan. Het sacrament des huwelijks, het genademiddel, is eerst later door Christus ingesteld, „want de genade is door Jezus Christus gekomen.quot; (Jon. 1 : 17.)

-ocr page 9-

Het huwelijk, het echtverbond van man en vrouw, behoort tot de verbintenissen van het burgerlijk leven, en diensvolgens tot het rechtsgebied van den burgerlijken staat. Van daar dat door alle tijden heen alles, wat op het huwelijk betrekking heeft, door de burgerlijke overheid is geregeld geworden. In alle tijden, vóór en na Christus, en in alle landen hebben de regeerende vorsten wetten voor het huwelijk gemaakt, waarbij zij de vereischten voor de geldigheid van een huwelijk vaststelden, en in sommige gevallen vrijstelling (dispensatie) van die vereischten verleenden. Tegen die wetten heeft de kerk van Christus zich niet alleen nooit verzet, maar integendeel altijd geleerd, dat allen verplicht waren aan die wetten der burgerlijke overheid le gehoorzamen.

Het sacrament tl e s h u \\v e 1 ij k s is geheel van geestelijken aard, en behoort daarom uitsluitend tot het gebied der kerk. Wie dit sacrament mogen ontvangen en wie daarvan geweerd moeten worden; welke de vereischten zijn om het waardig te ontvangen; dit alles kan en mag slechts door de kerk, aan wie Christus zijne sacramenten gegeven heeft, worden uitgemaakt en vastgesteld.

Terwijl nu, van den eenen kant, de regeerende vorsten in allo lijden wetten aangaande het huwelijk uitgevaardigd en aldus over het huwelijk beschikt hebben; en, van den anderen kant, de kerk te allen tijde gehoorzaamheid aan die wetten heeft bevolen, blijkt hieruit reeds onwedersprekelijk, dat het huwelijk en het sacrament des huwelijks twee verschillende zaken en ten eenenmaal van elkander gescheiden zijn. Nooit toch heeft eenig wereldlijk vorst wetten voor de sacramenten uitgevaardigd. Nooit zou de kerk dat gedoogd, veel minder zich daaraan onderworpen hebben.

Maar, indien nu de leer der katholieke kerk omtrent het

-ocr page 10-

huwelijk zoo rUiidclijk is, van waar koml lid dan, dal velen in die kerk een onjuist begrip daarvan hebben en liet huwelijk en het sacrainenl des huwelijks voor één en dezelfde zaak houden ?

De oorzaak daarvan is deze. in vorige eeuwen hebben de regeerende vorsten, die zelve tot de katholieke kerk behoorden, hunne rechten op liet huwelijk voor een deel aan die kerk afgestaan; dat wil zeggen: het recht om beletselen voor liet aangaan van oen huwelijk te stellen, of om vrijstelling (dispensatie) van zoodanige beletselen te verieenon. hebben zij aan do kerkelijke overheid afgestaan, en de bedienaars dier kerk gemachtigd en aangesteld om datgene te doen, wat tot dusver door de burgerlijke overheid was verricht. Aldus werden, ten aanzien van het huwelijk, de bedienaars der kerk tot burgerlijke ambtenaren aangesteld. Wie een huwelijk wonschten aan te gaan moesten zich tot hunnen pastoor wenden, door dezen zich in ondertrouw doen opnemen, en vervolgens zich door hem in het huwelijk laten vereenigen. Hierbij werd hun dan, zoo zij waardig gesteld waren, te gelijker tijd hot sacrament des huwelijks toegediend, zoodat èn het sluiten van de huwelijksverbintenis èn de bediening van het sacrament des huwelijks met één en dezelfde handeling door den pastoor werden voltrokken. Vandaar dan ook, dat voor heide die zaken, namelijk, voor het sluiten van het huwelijk en voor de bediening van het sacrament des huwelijks, slechts één formulier werd gebezigd, dat wil zeggen, één en dezelfde woorden vorm.

In lateren tijd hebben in sommige landen de regeerende vorsten weder aan zich getrokken hetgeen hunne voorgangers aan de kerk hadden afgestaan. Het uitvaardigen van wetten op het huwelijk; het vaststellen van do ver-

-ocr page 11-

eischten voor de geldigheid van hel huwelijk en het vrijslelien van die vereischten; hel sluiten van de hmvelijksvereeniging. dit alles hebben zij weder tot hun eigen rechtsgebied, dat is, tot het rechtsgebied der burgerlijke overheid teruggebracht. Aan de kerk is gebleven hetgeen haar toebehoort, te weten: het uitsluitend recht op het sacrament des huwelijks on op de bediening daarvan. Aldus is het in ons land geregeld.

Uit dien vroegeren tijd, toen ook in ons land de bedienaar der kerk tevens als burgerlijk ambtenaar het huwelijk sloot, dagteekent het formulier, dat tot heden toe in onze kerk bij de bediening van het sacrament des huwelijks in gebruik was. Daar echter tot hen, die reeds voor de burgerlijke overheid in den echt verbonden zijn, bij dat formulier de vraag wordt gericht: ol\' zij wederzijds elkander tot man en vrouw willen nemen, heeft dat formulier in ons land geen gezonden zin meer.

Het is waar, hieruit kon voor de leden onzer kerk, die voldoende daaromtrent onderwezen worden, geen nadeel voortspruiten; waarom dan ook tot heden toe in onze kerk dat formulier in gebruik is gelaten. Doch, gelijk wij in den aanvang reeds zeiden, velen in de katholieke kerk hebben een onjuist begrip omtrent het huwelijk. Zij houden het huwelijk en het sacrament des huwelijks voor één en dezelfde zaak. Dit heeft de tegenwoordige paus, Leo XIII, in een plechtig schrijven aan de geheele katholieke kerk uitdrukkelijk geleerd. Do paus verklaart daarin: dat eene hmvelijksvereeniging buiten het sacrament aangegaan, niet een wezenlijk huwelijk is; dat hetgeen voor do burgerlijke overheid geschiedt, niets meer is dan eene formal i tei t, dat wil zeggen: een gebruik door de burgerlijke wet voorgeschreven, maar dat overigens geene waarde noch kracht heeft; dat

-ocr page 12-

V

8

zij, die alleen door het burgerlijk huwelijk zijn vereenigd en niet het sacrament des huwelijks ontvangen hebben, in eene ongeoorloofde vereeniging leven. Deze leer, strijdig mei de oude en standvastige leer der katholieke kerk, is nu alge-meen onder de katholieken verspreid. Niet alleen betuigen zij daarom geene waarde te hechten aan liet burgerlijk huwelijk en slechts uit nooddwang zich aan de wet daaromtrent te onderwerpen, maar zij geven hunne minachting daarvoor somtijds openlijk te kennen.

Deze dwaalleer te bestrijden zooveel wij vermogen, en de oude leer der katholieke kerk over het huwelijk in het licht te stellen en te handhaven, is onze plicht.

Om die reden hebben wij het nuttig geoordeeld het formulier, dal tot hiertoe in onze kerk bij de bediening van het sacrament des huwelijks in gebruik was; door een ander te vervangen. Dat oude formulier toch klonk eenigs-sins dubbelzinnig en kon voor de eenvoudige geloovigen den scliijn hebben, alsof het de dwaalleer over het huwelijk, die thans zoo algemeen verspreid is, begunstigde. Dien schijn hebben wij gemeend te moeten wegnemen door de invoering van een formulier, dat voor een ieder volkomen duidelijk is, als overeenstemmende met de gezonde leer.

Hiermede wordt echter niet eene nieuwigheid in onze kerk ingevoerd. Vooreerst tocb vinden wij in vroegeren en lateren tijd in onderscheidene kerken en bisdommen van andere landen verschillende formulieren bij de bediening van het sacrament dos huwelijks in gebruik, die, in verschillende bewo or din g en, het onderscheid tusschen hot huwelijk en het sacrament des huwelijks duidelijk doen uitkomen, on te verstaan geven: dat het echtverbond, voor do burgerlijke overheid reeds gesloten, in de kerk

-ocr page 13-

door het sucramcnt wordt geheiligd eu gezegend.

Ten and(%re, het llians door ons ingevoerde f\'ormnliei is de xuivere uitdruk king van het geloof en de leer onzer kerk, dat is, van liet geloof en de loer der katholieke kerk I aangaande het huwelijk. Nu, evenals ons gebed, volgens

het schoone gezegde van den heiligen paus O.lestims, de uitdrukking moet zijn vau ons geloof, alzoo moet ook het geloof der kerk zich uitspreken in de formulieren, die bij

t

haren eeredienst in gebruik zijn. (1)

Het is op dezen grond, dat wij dit gewijzigd formu li er, hetwelk wij in overleg uml onze grhoele geestelijkbeid hebben vastgesteld, hij ilf/.\'-n itiVquot;»eilt;\'ii en in gebruik st^llpn bij

ltsil it\'in nij i\'iln /gt;*\'/ lO\'\'nl \'/\'■gt;\' // nU\'ti I

i-gt;ok voegen wij hier tgt;»-: em andei\' fninnili\'T \\(».r de inzegen hi y eau kruaincrouuwi. I \'il formulier, reeds vroeger door den bisschop van Haarlem voor zijn bisdom ingevoerd, is aldaar algemeen in gebruik. Het is, meer dan liet tot hiertoe gebruikelijke, toepasselijk op de omstandigheid, waarbij het gebezigd wordt, en daardoor meer geschikt om, bij het gebruik, de stichting te bevorderen.

Terwijl wij dan beide deze formulieren thans invoeren en in gebruik stellen, gelasten wij bij deze aan al s onze onderhoorige geestelijken: van nn aan in onze kerk,

bij de bediening van het sacrament des huwelijks en bij de inzegening van kraamvrouwen, geene andere formulieren te bezigen dan die, welke bij deze door ons verplichtend zijn gesteld.

(I) Over dit onderwerp kan men nalezen:

Betoog dat de huwelijksverbintenis afgescheiden moet blijven van het sacrament des huwelijks, door LUIGI lodigiani, aartspriester van JMisano. Uit hei Italiaansch. Rotterdam, m. Wtt amp; Zonen.

De leer van zijne heiligheid paus Leo XIïT, rakende het huwelijk, voor het volk

toegelicht door een roomsch-katholiek priester. Arnhem, YA\'S der wlelamp;Co.

«

-ocr page 14-

10

Het is ons uitdrukkelijk verlangen, dat dit ons bevelschrift in iedere kerk op den aanstaanden zondag van den goeden Herder van den kansel aan de gemeente worde voorgelezen.

/ S —

Aldus gegeven le Utrecht, den 10 April ISS\'J.

-ocr page 15-

11

GEBED VOOR DE BEDIENING VAN HET H. SACRAMENT DES HUWELIJKS.

O God! die van het begin der wereld af liet huwelijk hebt ingesteld, en die hel in het nieuwe verbond door een sacrament hebt willen heiligen, stort, bidden wij, uwe genade uit over hen, die thans voor uw altaar geknield liggen om het sacrament des huwelijks te ontvangen. Mogen zij geen beletsel stellen aan de gunsten, die Gij hun wilt schenken, en alzoo met het sacrament ook de uitwerkingen er van ontvangen. Laat niet toe,.aZaligmaker! dat zij door eenige besmetting of ontrouwheid een huwelijk onteeren, dat de afbeelding moet zijn van die zuivere en onverbrekelijke liefde, welke Gij uwe kerk toedraagt en aan uwe kerk vergunt. Gedoog ook niet, dat, terwijl zij elkanders bruidegom en bruid door de vereeniging van hart en lichaam worden, hunne zielen ophouden uwe bruiden te zijn door de liefde, die hen met U één van geest maakt. Amen.

DE BEDIENING VAN HET H. SACRAMENT DES HUWELIJKS.

De priester vraagt, na de voorlezing van het uittreksel uit het register van den burgerlijken stand, aan den bruidegom :

N. wilt gij met N. hier tegenwoordig, met wie door u een wettig huwelijk gesloten is, in vrede en liefde leven naar de wetten van God en van zijne heilige kerk?

De bruidegom antwoordt:

Ja, ik wil.

-ocr page 16-

Vd

J)e prieder rradfit (tan lt;le bruid:

N. wilt jiij met X. hier tegenwoordig, met wien door u een wettig huwelijk gesloten is. in vrede en liefde leven naar de wetten van God en van zijne heilige kerk?

De bruid antwoordt:

Ja, ik wil.

Terwijl zij elkander de rechterhand (jeven, zejent hen de ■priester, zeggende:

Als ditMiHfir v.-iii .If/.ns t\'.lM\'isIus /.i-gen ik Im-I iluur n gêslulfii huwelijk in \'llt;\'ii imwhm v 11.-s V.nl^rs r-n \'les Zo-ujs en des heiligen (jee;le=. Allien.

De priester hen met wijwater besproeid hebbende, zegent den trouwring aldus :

F. Onze hulp is in den naam des Heeren:

A. Die hemel en aarde gemaakt heeft.

P. Heer! verhoor mijn gebed:

A. En mijn geroep kome tot U.

P. De Heer zij met u:

A. En met uwen geest.

P. Laat ons bidden.

Zegen f, o Heer! dezen trouwring, dien wij in uwen naam zegenen f, opdat zij, die hem dragen zal, haren bruidegom eene volmaakte trouw bewarende, in vrede en in uwen wil volharde, en altijd in eene onderlinge liefde leve, door Christus onzen Heer.

A. Amen.

-ocr page 17-

13

Hij besproeit den ring met wijwater. Terwijl de priester den rimj aan den bruidegom overreikt, zegt hij tot de bruid:

Bewaar dezen ring en draag dien als het zinnebeeld der huwelijkstrouw, die gij uwen man bewaren moei.

De bruidegom dien uit de hand des priesters ontvangende steekt hem aan den ringvinger van de linkerhand der bruid, terwijl de priester, zegenende, zegt:

De almachtige God, f de Vader en de Zoon en de heilige Geest, verleene u daartoe zijne genade.

A.

Amen.

P.

Bevestig, Heer! hetgeen Gij in ons gewerkt hebt;

A.

Uil uwen heiligen tempel, die daar is

in Jeruzalem.

P.

Heer! ontferm U onzer.

A.

Christus! ontferm U onzer.

P.

Heer! ontferm u onzer. Onze Vader,

enz.

P.

En leid ons niet in bekoring:

A.

Maar verlos ons van den kwade.

P.

Maak uwe dienaars zalig:

A.

Mijn God! die op U hopen.

P.

Zend hun. Heer! hulp uit uwe heilige

plaats;

A.

En bescherm hen uit Sion.

P.

Wees hun. Heer! tot een vasten burg:

A.

Tegen den aanval des vijand?.

P.

Heer! verhoor mijn gebed:

A.

En mijn geroep kome tot U.

P.

De Heer zij met u:

A.

En met uwen geest.

P.

Laat ons bidden.

-ocr page 18-

14

Bij dit en het volgend gebed houdt de priester zijne hand uitgestrekt over de gehuwden.

Wij bidden U, Heer! zie neder op uwen dienaar en uwe dienares, en begunstig met uwen bijstand, hetgeen Gij tot voortplanting van het menschelijk geslacht hebt ingesteld, opdat zij, die zich door uwe schikking vereenigen, door uwe huil) mogen bewaard worden, door Christus onzen Heer.

A. Amen.

Z e g e n i n g der g e h u w d e n.

O God ! die door uwe almogende kracht alle dingen van niets gemaakt hebt; die, na in den beginne de wereld geregeld te hebben, den mensch naar uw beeld geschapen en hem de vrouw tot eene echte en onafscheidelijke bulji gegeven hebt, nemende den oorsprong van het vrouwelijk lichaam uit het vleesch des mans om hun te leeren, dal hetgeen Gij uit één beginsel hebt willen doen voortkomen, nooit vaneen gescheiden mag worden. God! die de huwe-lijks-vereeniging aan zoo uitmuntende geheimenis hebt toegeheiligd, dat Gij de geestelijke en geheimvolle vereeniging van Christus en de kerk door het verbond des huwelijks hebt willen beteekenen. God! die dit verbond, door uwe oppermacht in den beginne ingesteld, door Jezus Christus met een bijzonderen zegen f bedeeld hebt. God! die alleen macht hebt over het menschelijk hart, die door uwe voorzienigheid alles weet en bestuurt: die vereenigt, en niemand kan het scheiden; die zegent, en niemand kan het ontzegenen: vereenig, bidden wij U, de harten van deze uwe echtgenooten, door hun eene oprechte wederzijdsche genegenheid in te storten, opdat gelijk Gij één, waarachtig

-ocr page 19-

15

en alleen almogend zijl, alzoo ook dozen mogen één zijn in U. Zie genadig op deze uwe dienares, die zich nu met den man verbonden hebbende, bidt en wenscht, dat zij door uwe bescherming moge begimstigd worden; geef, dat zij haar juk in liefde en met vrede dragen moge, dat zij getrouw en kuiscli in Christus het huwelijk moge beleven, en eene standvastige navolgster zij der heilige vrouwen; dat zij haren man behagelijk zij, gelijk Rachel; dat zij verstandig zij, gelijk Rehekka; langlevend en getrouw, gelijk Sara; dat zij altijd aan het geloof en aan uwe geboden gehecht blijve; dal zij haar huwelijkstrouw ongeschonden bewarende, al het ongeoorloofde vlnchte en hare zwakheid door eene krachtige tucht verstorke; dat zij stemmig en eerwaardig zij door eerbare schaamte, onderwezen in hemelsche loeringen; dat zij vruchtbaar zij in nakomelingen, van goeden naam en zonder vlek; dat zij eens tot-de rust der zaligen en tot uw hemelsch rijk moge komen. Dat zij beiden hunne kinds-kinderon mogen zien en tol een gewenschten ouderdom geraken, door denzelfden Christus onzen Heer, die met II leeft en heerscht in de eenheid des heiligen Geestos, God in alle eeuwigheid.

A. Amen.

Bij dit gebed vouwt de priester zijne handen.

De God van Abraham, de God van Izailk on de God van Jakob zij met u. Hij vorvnlle u mot zijnen zegen, opdat gij uwe kinds-kindoron moogl zien eu naderhand het eeuwig loven moogl genieten door do hulp onzes Hoeren Jezus Christus, die met den Vader en don heiligen Geest leeft en heerscht. God in alle eeuwigheid.

A. Amen.

-ocr page 20-

IG

De priester besproeit hen nogmaals met wijwater, en hun den zegen gevende, zegt hij:

De almogende God, f de Vader en de Zoon en de heilige Geest, geve u zijnen zegen!

A. Amen.

ZEGENING DER KRAAMVROUWEN.

De priester geleidt de vrouw, met een brandende knars in haar hand, in de kerk en besproeit haar, vóór het altaar geknield, met wijwater, zeggende:

l\'. God besproeie u mei don dauw zijner genade ten eeuwigen leven.

A. Amen.

P. Ik ben verblijd in belgeen mij gezegd is: wij zullen gaan in bet buis des Heeren. Onze voelen staan in uwe voorzalen, o Jeruzalem !

Psalm 114.

Tk heb den Heer lief, want Hij verboort de stem mijns gebecls.

Want Hij beeft zijn oor tot mij geneigd; en ik zal Hem aanroepen al mijne dagen.

De benauwdheden des doods hadden mij omvangen en de angsten van bet graf badden mij getroffen.

-ocr page 21-

17

Ik vond mij in bedruktheid en in smart, doch ik riep den naam des Heeren aan.

O Heer, verlos mijn ziel. De lieer is barmhartig en rechtvaardig; en onze God is genadig.

De Heer behoedt de kleinen; ik was verdrukt en Hij heeft mij verlost.

Wees nu, mijne ziel, weder weltevreden, want de Heer heeft u welgedaan.

Want Hij heeft mijne ziel verlost van den dood, mijne oogen van tranen, mijne voeten van vallen.

Ik zal den Heer behagen in het land der levenden.

Eere zij, enz.

A. Gelijk het was, enz.

P. Ik ben verblijd, enz. {als boren)

Heer! ontferm U onzer.

A. Christus! ontferm U onzer.

F. Heer! ontferm U onzer.

Onze Vader, enz.

En leid ons niet in bekoring:

A. Maar verlos ons van den kwade.

P. Behoud uwe dienares, o God!

A. Want zij hoopt op U.

P. Zend haar hulp, Heer! uit uwe heilige plaats:

A. En bescherm haar uit Sion.

P. Heer verhoor mijn gebed:

A. En mijn geroep kome tot U.

P. De Heer zij met U:

A. En met uwen geesl.

P. Laat ons bidden.

-ocr page 22-

18

Almachtig, eeuwig God! zie genadig neder op deze uwe dienares, die tot uwen heiligen tempel gekomen is om er ü met blijdschap voor te danken, dat Gij haar in de moeielijke ure hebt bijgestaan. Neem haar en haar kind ook verder in uwe hoede. Verlicht haar. door het licht uwer genade, opdat zij haar kind naar behooren opvoede in het geloof in Christus, het licht der wereld; en laat het kind toenemen in wijsheid, in jaren en in behagelijkheid bij God en bij de menschen. Vergun, dat beiden na dit leven door de verdiensten van Jezus Christus en de voorspraak van de heilige maagd Maria lot de vreugde der eeuwige zaligheid mogen geraken, door denzelfden Christus onzen Heer.

A. Amen.

De priester besproeit de vrouw nog eens met wijwater, zeggende:

P. De vrede en de zegen van den almachtigen God, f den Vader, den Zoon en den heiligen Geest, dale over u neder en blijve altijd met u.

A. Amen.

indien het kind gestorren is, irordt in /ildiits van het bovenstaande gehed het volgende gebeden:

R Laat ons bidden.

Almachtig, eeuwig God! zie genadig neder op uwe dienares, die tol uwen heiligen tempel gekomen is om er U voor te danken, dat Gij haar in de moeielijke ure hebt bijgestaan

-ocr page 23-

19

en dat zij nu weder in gezondheid voor uw aangezicht verschijnen mag. Neem haar ook verder in uwe iioede en zend haar het licht uwer vertroosting, opdat zij in geloovigen en ootmoedigen geest do wijsheid aanbidde van U, die haar het kind, dat Gij haar gegeven luidt, wederom ontnomen hebt. Verleen haar, dat zij na dit leven door de verdiensten van Jezus Christus en de voorspraak van de heilige maagd Maria tot de vreugde der eeuwige zaligheid moge geraken, door denzelfden Christus onzen Heer.

A. Amen.

-ocr page 24-
-ocr page 25-

■t:

gt;%s_, r • ■: ■ v: ; : p;i S

......

sar?\'--— ^^ \'■\'■m

- ■ ■ - \'■: ■■ - - -■ yf-4

: v-V\'\'-. . \' . ; ri;- - ■; .■ \'■.

quot;\' -- / quot; ■ \' -■ - quot;;quot; -v.; •• •-^

X»V/ -■■•-

■- i^:. ■ ^

■: \'-i\'- r -. vj- .

_____________ ________:v fr;

;::- v: -

h.xv:.-- ^ ■■■ . ■ :. S ,. -:j

r^:1\' ■■■ r ^ ^

: a::gt; «;

..■ .j.gt;■■■quot;■■ — -;■■gt;■■-i- ^ /- ■ ^

■ r- \'-.\'V\' Vc-V^-v: :\' • ■.

.;.^ ^ .■ v\' v.o

v-K-. \'.■•afts-\'n\'-\' •quot;■ ■ ■«-- quot;■■ \'■ ■•■■--\' - • .\' •• _ ----- - . -■ ,

quot; v, \' , - -■ ■ ■■■■ ;• •, gt;gt; ■ , • , :-■■:?

\\ -:v: - . - . quot;■ % - \'t . .TZ1 \\V

ij^^V _ ----- v -- - • \'-■ - gt;\'

•*-gaa«ag«a

-ocr page 26-
-ocr page 27-
-ocr page 28-