-ocr page 1-

, ...... -fV,!.. - ■ «I»\', \'V... ■ ■ ■ i.!V;. •

, ... . ■ ■ ■ , . i\'jjt \'iy. : \'

■ . ■ ■ ■ ■ ............ . - : . . . ■■■\' ■\'

•w;\'/ gt;• it ■ ■ -..... ■ ■ ■ ■

.. .... . ■ ■ - : ■ ■ ^...... .......

, ■ ■ . ... . • .. . . \' . ... M .......

■ — ■ ■ ......\'

. , ....Cv\'I \'

....... ■ - ■ . ....... , . .

........... . ■ ■ . ■ .

, , ,1 , . . . .

■ ■ \' ■■ ■ ■ ■ • \' ; \'

■ , ■ ...

.•... • .......

.................. . ; . ■■ \' ■■ ■

... ■

■ ■

-ocr page 2-

OYER ZEMIWSCHE LOODJES.

-ocr page 3-

.

-ocr page 4-

Over Zeeuwsche Loodjes.

B I.I D R A G K

TOT 1)1quot;

PENNIX(1 KUX 1)E VAN ZEEEAND

I)()() |{

MARIE DE MAN

Niet in den handel.

V s ^DUOTIIKKK

GEDRUKT Hij C. amp; W. A I,\'l\'OK I- !■ ICR,

I I-: M I D DEI, HU I S92.

-ocr page 5-
-ocr page 6-

ZEEUWSCHE LOODJES.

.Neemt men een catalogus ter hand van te koop aangeboden penningen . dan vindt men daarin eene afzonderlijke afdeeling , waarboven gedrukt staat: //Armen-, Presentie- en Kerkelijke penningen.

Deze stukjes , hetzij ze van zilver , koper of werkelijk van lood zijn , worden gewoonlijk met den algemeenen naam van f l/oodjesquot; betiteld. Tot voor korten tijd werd er hijna niet aan gedacht ze te verzamelen en te bestudeeren ; zij waren de paria\'s der numismatiek Noodmunten . leg-, gilde- en historiepenningen . zij hebben alle volop hun beurt gehad , maar de versmade loodjes Waren slechts in enkele verzamelingen te vinden , en niemand dacht, er aan daar eene afzonderlijke studie van te maken. Hierin is verandering gekomen; de aandacht der penningkundigen valt thans even goed op loodjes als op eene andere afdeeling der numismatiek.

In zijne bekende \'/Bijdragen1\' gaf echter reeds (1. van Ordkn vier platen . waarin dergelijke stukjes zijn afgebeeld; enkele worden ook vermeld in de werken van den graaf Maijiun van \\ a it u ijs , van Min aiu) van Hookebkeke en zeer vele in het Petinhiglimidij) Jiepertorium van den heer mr. .1 Dikks. In-tusschen is het er nog verre van af, dat men een goed overzicht van deze stukjes liebben zou . \'iie. onze voorvaders te hunnen gerieve hebben laten vervaaidigen. liet zou wel de moeite wanrd zijn . indien men er in slagen kon , ze voor Noord-Nederland bijeen te verzamelen en te beschrijven, maar. en

J

-ocr page 7-

2

ilit us natuurlijk van gToote. bcteekenis , men stuit bijna overal op (1(! onmogelijklicid om ze terug te vinden. Dit; wnardelooze loodjes werden, nu afgedankt te zijn, meestal gesmolten, en daar niemand er aan dacht ze te bewaren , is liet slechts bij toeval, als men van de eene of andere stad eene vrij volledige verzameling bijeen kan krijgen. Vervolgens is de bcteekenis van vele dikwerf moeilijk op te helderen en. omdat zij meestal geen jaartal dragen , is bet bijna onmogelijk den juisten tijd aan te geven , waarin zij in gebruik waren. Beide zaken gelden ook vooral voor de stukjes uit Zeeland en men moet nog verbaasd zijn , dat zoovele van die, op het oog zoo onaanzienlijke penningen, den tand des tijds hebben weerstaan. Het zou jammer geweest zijn, indien ze alle waren verloren gegaan, want eigenaardiger en op andere wijze dan de sedert lang in aanzien gekomen gildepenningen , stellen zij ons het doen en laten van onze voorouders voor oogen Wanneer bijv. alle oorkonden . die handelen over het Armenwezen van A msterdam eens niet hestonden. zou men, door de nog gespaarde Armen-penningen van die stad , eene zeer duidelijke voorstelling kunnen maken , iioe goed men oudtijds voor armen zorgde en door welke inrichtingen daarvoor het meest is gedaan

Lee re u ons de pre.sentie-penningen niet, hoe men een prikkel van stoffelijken aard noodig had om de zoogenaamde Eero-posten , bijv. in de stedelijke besturen, bezet te krijgen? het was het presentiegeld . dat verloren tijd of andere onaangenaamheden weder goed maakte !

Ik heb mij wel voorgesteld , dat ik , als ik mij op elit gebied begaf, geheel Voord-Nederland zou moeten behandelen, maar ik ben later gaan begrijpen . dat dit niet noodig is , zoowel om de uitgebreidheid van het onderwerp , als om vele andere redenen Ik bepaal mij dus, bij wijze van proef, voor-loopig tot Zeeland; maar ongelukkig verschafte mij mijne eigene provincie, met uitzondering der hoofdstad, slechts weinig materiaal. Doch wat Middelburg zelf betreft . ineen ik eene vrij belangrijke reeks van penningen bijeen te hebben verzameld .

-ocr page 8-

8

waarvan de helft mij toeschijut nog onbekend te zijn en dat zegt tegenwoordig nog al iets. Dat mij dit Ls gelukt en dat mij liet een of ander daarvan duidelijk is geworden, dank ik vooral den heer Gemeente-archivaris M. 11. van Visvliet , die mij do onverwachte tijding bracht, dat er in een verborgen hoek van het Archief nog eene groote hoeveelheid loodjes, in kistjes geborgen , voorhanden waren ; deze zijn zonder twijfel aan de begeerige blikken van boden of bewaarders ontsnapt! Hem en ieder die mij behulpzaam is geweest, maar inzonderheid den lieer mr. J. Diuks te Leeuwarden , die mij tot dit werk aanspoorde en met de meeste hulpvaardigheid steeds in alles voorlichtte , betuig ik bij dezen mijnen hartelijken dank.

Wat ik gevonden heb. veroorloof ik mij derhalve mede te deelen, natuurlijk met zekere schroomvidligheid en hopende op eene welwillende beoordeeling. Alvorens de stukjes te beschrijven . zal ik met een enkel woord de beteekenis dier loodjes trachten duidelijk te maken. Ik begin met Middelburg, maar kan geen chronologische orde volgen , omdat dikwerf het jaartal geheel onbekend is. Ik verdeel ze dus in de bekende rubrieken en deze, of naar het jaartal of, waar dit niet kan . naar het type.

M I D I) E L B U R (}.

A.. Presentie-penningen.

Wat zijn presentie-penningen ? In deel V.II van de Bijdragen lot dn geschiedenis en oudheidkunde , inzonderheid ran de pioüincia Groningen , werd hierop door den te vroeg ontslapen penningkundige J E. Hoopt van Iddekinge een uitvoerig antwoord gegeven; quot; In vroegere eeuwen waren vele,, naderhand \'/gretig gezochte regeeringsambten , slechts lastposten, immers //terwijl de verantwoordelijkheid, de moeite, ja somtijds het • trt vaar daaraan verbonden groot was , was het voordeed gering //en van bezoldiging in den regel geen sprake. Vandaar dan «ook de gewoonte om bij het weigeren van aangeboden ambten

-ocr page 9-

4

» zware, boeten te stellen. Later werden er geschenken bij uit-»gereikt. veelal in wijn , dat spoedig cene gewoonte werd. quot;Ook te (irollingen bestond dat gebruik en op gezette tijden, «selionk men op stadskosten aan verschillende! regeeringsperso-«nen en andere ambtenaren, in liet stadswijnhuis, bier of wijn. «Aan deze instelling schijnen de preseutie-penningen hun ont-«staan te danken te hebben. Eerst van lood . later van geel quot;koper vervaardigd , werden die penningen aan verschillende «ambtenaren uitgereikt, wanneer zij de raadsvergaderingen \'/ iiadden bijgewoond , om daarvoor cene bepaalde hoeveelheid quot; wijn of bier ten stadswijnhuize te gaan drinken, of. zooals quot;later, te laten halen. Natuurlijk was zoodoende liet gebruik quot;dezer penningen beperkt, maar langzamerhand breidde zich dal quot; uit. en kregen zij cene zekere , hoewel altijd conventioneele \'/ en geheel plaatselijke waarde als munt.\'\'

Tot zoover de heer Hooft van Tddekinge.

Prescntie-penningen dienden dus om onbezoldigde betrekkingen bezet te krijgen en tevens . zooals men later zien zal, om de leden van Wetb en Raad aan te moedigen de vergaderingen op tijd i)ij te wonen . daar de loodjes ingebonden werden , indien de belanghebbende niet ter vergadering verscheen. Wat nu voor (ïroningen gold, gold voor alle grootere en kleinere steden en dus ook voor Middelburg \').

Deze plaats, al vroeg eene belangrijke koopstad, beeft evenzeer bare presenlh;-]!quot;».ni.nrjf.n. gehad. Wat er in den allercersten

\') Dat men oudtijds dikwerf zeer verstandige maatregelen nam . bewijst liet weer invoeren van presentiegeld. Immers dezen zomer, 4- 400 jaar nadat men begonnen was met looden geld te betalen, heeft de Amster-d.imsche gemeenteraad besloten het inmiddels afgeschafte presentiegeld wederom in /.ijne raadsvergaderingen in te voeren. En nu de Nederland-sehe hoofdstad dit voorbeeld gegeven heeft, is die van Utrecht haar nagevolgd. Daar zullen de heeren , die de raadsvergaderingen van het begin tot het einde bijwonen, bij hot verlaten dier bijeenkomst, ƒ i,$o kunnen ontvangen. lgt;it zou in vroegere jaren de kapitale som van 5 schellingen hebben uitgemaakt. Ook 1 )elft heeft zich als derde stad daarbij aangesloten November 1891

-ocr page 10-

i)

tijd is gebeurd, ligt in het duister, doch ik vind het al zeer merkwaardig, dat wij er reeds in J487 iets van opgeteekend vinden. De heer Kestkt-oo {Archief Zt\'fuwsoh genootschap , d\\. VI , le stuk, bladz. 77) vermeldt uit eene oude oorkonde, quot;dat quot;iemand gezonden werd naar Bergen op Zoom , Antwerpen , n Mechelen en Leuven, aangaande do zaak van het maken eener //nieuwe ordonnantie op liet stadhuis, opdat een iegelijk liur-quot;gemeester en Scliepen en ander officier komen zou dagelijks //op het stadhuis , om een iegelijk recht, wet en justitie te «doen en te vergaderen quot;t eenen betamelijken ure.quot; Tiet was hier evenals in Groningen, en, om verbetering te krijgen, tring men, als naar gewoonte, raad vragen in de bloeiende steden van Zuid-Nederland.

Het is wel waarschijnlijk , dat het in navolging was van die plaatsen , dat men op liet stedehuis te Middelburg beproeven wilde , of men geen einde kon maken aan dat zonder geldige redenen wegblijven van de dagelijksclie vergaderingen. Men besloot dan, naar uitwijze dier nieuwe ordonnantie , op de vier rechtdagen aan Burgemeester en Schepeu/\'n distributien uit te deelen. Ook de raudsmann.en zouden volgens eene andere ordonnantie , dagelijk.iohe distributie krijgen. Deze uitdeeling had eiken Zaterdag plaats ; men treft dan ook in de stadsrekening van het volgend jaar een post aan , waarin dergelijke uitkee-ringen verantwoord worden. Daarin leest men: //Betaelt Jan //Jan\'Z. den Burehmeester over zijn loot dat hij verdient liadde //op de Rechtdagen in de weke int voirieden jair S9 tot kers-//misse toe int zelve, jair dair de .somme of beloopt die hem quot;hier bet. js. 8 £: fi seli. gr 1 Hel hoofdstuk: //Betalinge //gedaen over de distribueien np den vier reebtdagen ISiirehinrs //ende scepenen naer utwijzen der nyeuwer oordinimeienquot; sluit met den volgenden post : quot;Somma van der distributie van den nloode bet. de seepenen op de vier Rechtdagen beloopt C : quot;11 sell.: (i gr,quot; Mr werd dus zoo ongeveer J\' 500 aan presentiegeld jaarlijks aan hen uitgekeerd.

Voor ons onderwerp is bet nu zeer belangrijk . dat men het

-ocr page 11-

6

voor zoo goed nis zeker kan aannemen , dat die uitkeeringen in loodjfs liobben plaats gehad. Er bestaat nog eene rekening van Hans den tinnegieter, van het jaar 1488, waarin deze man verantwoording doet van 1590 penningen , waarvan er dagelijks in de raadkamer uitgereikt werden. Hoe die penningen er uitgezien hebben, is jammer genoeg nergens beschreven , maar omdat zij bij een tinnegieter werden besteld, mag men wel aannemen, dat zij uit tin , namelijk uit slecht tin , alias lood zullen bestaan hebben en niet uit koper. Het is waarschijnlijk voor het eerst, dat in Middelburg toen die loodjes gemaakt zijn, en het is opmerkelijk dat men er dadelijk zoo vele liet maken , t. w, 1590. liet is wel mogelijk, dat het de loodjes geweest zijn. die op plaat I , nquot;. 2 zijn afgebeeld; in ieder geval is dat type zeer oud.

Heeft men toen voor het eerst loodjes ingevoerd, dan is dit geweest om denleden te beletten om telkens, wanneer zij daartoe lust gevoelden , zonder geldige redenen van de vergaderingen van Weth en Raad weg te blijven. Het loodje werd dan eenvoudig niet uitgereikt en bovendien éene boete opgelegd. Maar langzamerhand werden de presentie-penningen ook voor andere doeleinden gebruikt ; immers men leest in de kwartiermeesters-rekeniiur van l Augustus 1525—-31 Juli 1526, dat betaelt werd \'/aan .Tan Eewoutz als Scepen 3 C: H sch.: f5 gr. ende noch \'/ over \'t loot hem gegeven in betalinge van der maeltijt tzijnen «huvse gedaen bij Hurchmi\'s ende Scepenen ende Raeden quot;t „ wclck hem verstaet te we.sen tverbuerde loot van den voirn. «die up haer gesel te ure nyet gheeompareert en hebben ter quot;camere van justicie achtervolgende dordonnaneie van dien , //bedragende tzamen 27 seh. gr.

Waarlijk zeer eigenaardig en naif! In plaats dat do opbrengst der verbeurde looden ten goede der stadskas kwam , verteerde men die door een gezaiueniijken iTiaaltijd.

I\'len geruimen lijd later vindt men in de secrete notulen van 1601 opgeteekend , //dat de lleerenvan Wetb en Raad, quot; nis zij drie uuren sullen hebben gebesonigneert. sullen genieten

-ocr page 12-

7

quot; twp.fl in plaats van drie loodm.quot;\' Deze vermindering heeft waarschijnlijk hierin haren oorsprong gehad, dat er vele, maar korte vergaderingen plaats hadden, omdat in het begin der 17* eeuw dc strijd met Spanje niet ver van Middelburg voortgezet werd. Van uit het fort Rammekens, vertrok prins Mauuith in 1G00 met een leger van 20000 man naar Zuid-Nederland met het doel Duinkerken in te nemen. Dit werd veriiinderd , doch had den beroemden slag van Nieuwpoort ten gevolge. Ook Sluis werd door de Staatsehen ingenomen en Ostende wist zich jaren lang tegen den Spaanschen vijand te handhaven.

De gasthuis- eii andere boeken uit dien tijd bewijzen , dat men in Middelburg dan ook veel last had van passanten en gekwetsten , zoodat de linancirn der stad zeker niet in roos-kleurigen toestand waren; geen wonder dat men zuinig werd!

Van het hierboven gemelde jaar 1188 af, toen men waarschijnlijk het betalen met loodjes heelt ingevoerd, die natuurlijk later werden ingewisseld, tot aan het jaar 1()73 toe, wanneer men er mede heeft opgehouden, komen onafgebroken opgaven van die betaling in loodjes voor. Merkwaardig is wat geboekt staat omtrent 16-17, tiet zij mij vergund hier eenige posten aan te halen.

lu de stadsrekening 1 Augustus 1647—31 Juli 1648 is uitgegeven :

//Aen Gilijs Hendu. van wegen d\'heer Joiian Baeselier , «over een ent seventich looden, die sijn B. meer was hebbende , //als in voorgaande rekeninge was uijtgetrocken door d\'absentie //van den selven , naer lüijt de quitantic . . 3 C 11 sell.quot;

//Aen denselven van wegen dheer Daniel Stbphamu , over «acht ent sestieh looden, lt;lie sijn Iv meer was hebbende, als «in rekeninge was uytgetrocken per quytantie. 3 l 8 sdi.

//Aen dheer inr, A Dill A r. n Veth , Pensionaris, over tsestieh //looden bij sijn Bd. genoten, over extra-ordinare besognen /\' bij quitantie...... ......3 l.

quot;Aen (ril,lis Hemoricx van wegen dheer mr Paulüs van «de Puttin: Secretaris, over een hondert drij en vcertioh looden

-ocr page 13-

/\'l)ij sijn Ed. genoten over extra-ordinare l)esngnen nae.r luyt quot; de quitantie...........7 £ 3 sch.quot;

Met blijkt volgens mededeeling van den heer van Visvliet, uit de rekeningen dier jaren , dat de burgemeesters werden betaald met looden van 2 schellingen , schepenen , raadslieden en kerkmeesters met looden van 1 schelling, de commissarissen van kleine zaken ook met een loodje van éeu schelling. en een van de laatste , vermoedelijk de president, kreeg weer eene dubbele uitkeering 1).

Men ziet dus dat de presentie-penningen toen bepaald als wettig betaalmiddel werden beschouwd en er allerlei diensten mede werden beloond. In eene vroegere rekening lezen wij, dat ook de priester . die op het stadhuis // misse deetalzoo betaald werd.

Dat de bee ren van het stadhuis ook als kerkmeesters een loodje ontvingen, blijkt eveneens uit eene rekening van 1(518—1(519.

Daar leest men : » Aen deselve (dheeren J vcoBua Lansber-wciks en I\'aims Si;R(k)sKF.iiCKK,) over quot;t gene de voorsc.hr. il.ee-«ren in bairl1\' ([ualiteit als keickmeesters sijn competeerende n over hunne looden bij quitantie.......10 t.\'

Merkwaardig is vooral de volgende post:

quot;Aen Johannus Lum-t over het maeeken ende snijden van quot;den stempel van burgemeesters en Schepculooden, per ((iti-\'/tantie II 13 sch.quot; Dit was, als er geene leverantie bij

was , zeker zeer duur gerekend , maar..... Luupf was geen

gewoon tinnegieter, ais IIanh van 118S , doch een zeer beroemd graveur, waarvan vele fraai gesneden medailles over zijn a), voornamelijk die. ter gedachtenis aan de roemrijke overwinningen door prins Fukdeiuk Hcmdiuk. Hij had van de Staten van Holland het privilegie daartoe gekregen. Loofe

\') Ook in fle /.•■tinvschr Chrnnyk-ahnanach van hel jaar 1783 staat op bladz. 707 vermeld, dal een burgemeester, welke daarenboven liet voorrecht genoot van onder een verhemelte in de vergadering plaats te mogen nemen , dubbel presentiegeld ontving.

1 Dirks , Reperto) ium , nquot;. 956. 978. 1212 en 2070.

r

-ocr page 14-

9

was van 163 1. tot 1651 stempelsnijder van de munt van Zee-land \'). De fraai geteekende prcsenticpcnning plaat 1 fig. ^ is dus van de hand van dien bekwamen stempelsnijder, die oorspronkelijk zijne kunst in Duitseldand had uitgeoefend, (Zie F. Naowlas , Levensherichten van Zeeuwen , Tl lde ailev.).

Zeer verschillend van het jubeljaar 1648 was het treurige jaar 167-2 , toen de Franschen ons overrompelden en Zeeland reeds lang te voren de nadeden , van den vijand in de buurt te hebben , had ondervonden. Zoo moest Middelburg o. a. omstreeks dien tijd zijn bolwerken in orde maken.

Een merkwaardigen post in de rekeningen, behalve vele andere natuurlijk van andere strekking , vinden wij op dat jaar met betrekking tot de loodeu. Wij lezen in de secrete notulen van 12 October 167//dat men besloot voort te gaan met het //uitdeden van het Weth- en Raadsloot, maar dit eerst in te. // w\'melm , als den oorlog zal zijn geëyndigd of stadsjinanciën quot;in heler staat gehrayt.quot;\'

Te gelijker tijd wordt er nog bij bepaald . dat hij die te laat komt, of zonder permissie vóór het scheiden weggaat, één loot, dus een schelling verbeuren zal; blijft iemand geheel wég zonder geldige redenen en zonder kennis van den heer burge-

\') Deze graveur had de eigenaardigheid van er bijzonder op gesteld te zijn , dat zijn naamtcekenlng duidelijk op zijn kunstproducten voorkwam. Niet alleen dat hij ze me; zijn naam voluit leekende, maar door op de keerzijde lof- cn bloemwerk aan te brengen , zinspeelde hij nogmaals op zijn naam.

Van de legpenningen door hem gesneden en door de Staten van Zeeland uitgegeven, betreffeude het sluiten van den vrede van Munster, komen volgens eene mededeeliug van den lieer van Dijk van Mati.-nesse te Schiedam, in de Revue de iikih. /•c/ge, 1S85 , verscheidene proef-stempels voor, waar hij als ter sluiks, bijv. op een rots, j. L. wist te plaatsen. Hij schijnt zich hierdoor van de Staten van Zeeland eene ernstige berisping op den hals te hebben gehaald. Door de goedheid van genoemden heer bezit thans hel Zeeuwsch genootschap een fraai exemplaar van den legpenning v. Loos , 11, bladz. 304. met j. geteckend, terwijl ook mijne verzameling verrijkt is met een gestempeld exemplaar van den legpenning, afgebeeld bij van Loon 11, bladz. 306, 3.

-ocr page 15-

10

meester. dan wordt de boete twen looden en wanneer liet college van Weth en Raad om gewichtige zaken is belegd , op den eed en op de hoogste boete, zoo werd bepaald die hoogste boete vast te stellen op 1 ,£ Vlaamnch (zes gulden) , bij alle en een iegelijk te betalen . of bij inhouding van looden , totdat dezelve zal wezen voldaan, 12 October 1()72 1).

In een octrooi van keizer Kabul V. van liet jaar 15 IS. de instelling der kiezers te Middelburg bepalende , werd die hoogste boete op / 1000 bepaald Gebeurde het, dat men iemand ten tweede male de hoogste boete moest opleggen, dan strafte men met eeuwigdurend bannissement 2). Een grooter verschil als van ƒ 1000 en van /6 voor hoogste boete kan men zich waarlijk niet denken , maar de eerste som was. zooals in de ordonnantie van 1672 staat, nooit aan iemand opgelegd. Men vond die zeker al te kras en daar in deze moeilijke tijden vele vergaderingen op den Kquot;(l en Innigste boete zullen zijn te pas gekomen , heeft men wijselijk eene boete bepaald, die praetisch uit te voeren was. üe kleinste boete was toen \'dus 1 , de hoogste 20 schellingen.

Dat ten tijde van Karet, V de hoogste boete zoo\'n aanzienlijk bedrag bedroeg, kwam wellicht daardoor, dat de ordonnantiën en keuren hier te lande meestal eene navolging waren van die der rijke steden , in Spanje en aan de Middellandsche Zee gelegen.

Wanneer men wezenlijk de boeten heeft laten betalen door het inhouden der looden, dan zijn zij, die het meest verzuimd hadden , er het best van afgekomen , want wij lezen op dato 8 September 107 I-; quot;Dat alle de Heeren van Wcth en Raad n remitteren aan de stad al haar Lood, \'t geen se iu den jare //1(172 van de stad hadden ontfangen en tot heden toe nog te //pretenderen hadden, mits hetzelve t-r Tresorie ter H\'-ntciger // (ledagtenis irierd nungetei/ke)//.

\') I lei besluit is ih /.ijn geheel in (ie Bijtagf vermeld.

\') /,ie Smai.i.k.oangi; , bladi. 434.

-ocr page 16-

11

Tc hunner cere wordt deze edelmoedigheid hier nog eens openlijk vernield! Tn de rekeningen van 1(171 72 en 1672/73 worden dan ook gc-enr. betalingen aan dignitarissen in uitgaaf verantwoord voor uithi\'.taald lood. Tot IfiSS) vindt men in die rekeningen nog wel de hoofden quot; Betaling aan Burg. m Schfi-quot;penen op Rechtdagen.\' Betaling aan de Raadsliedcni enz, maar onder die hoofden is echter sedert 1672 niets meer verantwoord. Na 16S9 komen die hoofdstukken in het geheel niet meer in de rekening voor. Het teruggeven in 1674 van al de oningewisselde loodjes was misschien de oorzaak . dat het betalen in presentiegeld toen in onbruik is gekomen en tevens is het zeker, dat de geheele collectie loodjes als herinnering aan die bange tijden is bewaard gebleven en dus niet gesmolten is.

Ik vond dan ook dien schat terug in de kistjes , waarvan ik op bladz. 3 melding gemaakt heb. Daarin waren -|- 3S00 loodjes en daarenboven 2200 koperen duiten, alle namaaksels van den Priesohen duit met het jaartal 1(119. Van deze loodjes waren :

1 exemplaren, afgebeeld plaat I nquot;. 1

51 // « « w 2.

1900 // // // /\' 3.

5 if n quot; \'/ 4.

9\'15 quot; quot; quot; quot; ï).

725 quot; quot; quot; n (5 en 7.

79 n n n quot;8.

26 n « « // 9.

2200 quot; quot; quot;IV n 9.

Daar men uit geldgebrek de loodjes niet in gangbaar geld kon inwisselen, zullen er in 1672 «eer vele noodig zijn geweest en bleef er wel niet anders over dan telkens nieuwe te laten maken ; op een en ander zijn de volgende posten toepasselijk.

«Aen dl leer Benjamin Raui,k over 540 looden h I sch. quot; \'t stuk, sijn E. als Schepen deser stad, den voorgaenden quot; jaere verscheenon Julij 1(gt;71 conform de, quitantic 27 ,1

-ocr page 17-

12

quot;«■n dergelijke aan don heer Secret. Philips v. d Hravde ende //Commissarissen van de Cleene saecke, Marcis Üurs en Jo-

quot; CIÏUM IjEYDF.C KEU.quot;

Ai die posten waren van 1 sell., maar rón post is vooral belangrijk , omdat, daarin gesproken wordt van .*() oudquot; looden a 1 sell, het stuk : stadrekening 1672 73 //Aen d lieer Uurgein\' quot; iVmu.van\' van Bousselk van deu IIoooe. over 50 oude //looden a 1 sell, t stuck versclieenen den voorleden jaere coniform de quit in dato den 2.\'3en December 1072 de somme //van 2 p, 10 scli.quot;

Hieruit blijkt, dat er verschil moet hebben bestaan in het gebruik van oude en nieuwe looden. L)c nieuwe loodjes waren ook wol prosentie-penningen . maar wegens de sehaarschheid van geld eene soort van noodmunt te gelijker tijd. Zii bewezen dan ook dezeli\'de diensten met dit verschil evenwel, dat zij slechts voor een beperkt getal ambtenaren bestemd waren en zooverre men weet , niet voor andere doeleinden gebruikt zijn Men zal zo bij die gelegenheid wei oon nieuw type gegeven bobben , en dan zullen het zeer zeker de loodjes geweest zijn (plaat I n0. 3) die op de voorzijde een burcht en op de andere zijde het roineinsche cijfer VI hebben.

Op het raadhuis zijn op dit oogenblik nog ongeveer 1900 van deze stukjes aanwezig. Bedenkt men hierbij, dat deze soort van loodjes menigvuldig in verzamelingen voorkomen en dat er toch ook wel moeten verloren gegaan zijn, dan moeten er zoor vele van bestaan hebben, zooals dan ook noodis was, daar men in 1072 op het stadhuis dagelijks loodjes uitgaf, maar geen enkel Ier inwisseling terug kon ontvungon. Eitron-aardig ia het en wel een bewijs dat zij korten tijd in gebruik zijn geweest, dat al die loodjes met don barcht zeer goed bewaard zijn gebleven , zoodat er geen enkel stukje is afgesleten ; dit is intusschen ook het geval met de voor mij nog altijd raadselachtige loodjes mot den Zeeuwschen leeuw van (1 stuivers, namelijk het nieuwe type (plaat I nquot;. 6 en 7), waarvan ik er, zooals ik reeds vermeldde, ongeveer 7 25 in de kistjes

-ocr page 18-

geteld heb. Misschien dagteekenen ook deze uit dien tijd van geklcrisis en zijn ze. nadat de eigenaars ze in 167é hadden teruggegeven . niet meer gebruikt,

Het is hier de plaats om eene raadselachtige vondst te vermelden. Onder de (luizende presentieloodjes, welke ik in de genoemde kistjes bijeenvond , bevonden zicli . zooals men in de opgave bladz. il kan zien, ongeveer 220(1 koperen duiten , alle van het jaar 1619 , die men op het eerste gezicht voor l\'riesclie duiten zou houden. Zij hebben op de voorzijde het Friesche wapen en /Av.v spes mea tot randschrift, wat evenwel op geen enkel stuk in zijn geheel te lezen is. Dit devies komt, zoover ik weet. op geen Xederlandsohe munt uit dien tijd voor. De keerzijde vertoont een bloemenrandje , waar-

F R 1 binnen G I A 1619.

Sommige exemplaren /.iju nog brutaler nagebootst . daar de stempelsnijder de S van Frisia heeft behouden. maar daar een G heeft ingeteekend , zooals men op plaat IV n0. 9 zien kan. Op de meeste exemplaren is gt;Iechts de G alleen te zien. Daar het dus van het Friesche Frisia afwijkt, en de stukjes daarenboven zeer dun zijn, is bet duidelijk . dat men hier met zoogenaamde geconterfeite duiten te doen heeft. die men heeft getracht binnen te smokkelen en in omloop te brengen , wat evenwel niet schijnt gelukt te zijn, daar ze alle nog den glans van nieuwheid dragen Maar door welke vorsten is dit bedrog gepleegd P

Vooral de graven van Reckheim muntten in de kunst van nabootsen uit. De Friesche en Utrecbtsehe duiten diiMidcn dan ook voortdurend tot mikpunt van hunne oneerlijke handelwijzen. Een zeer bekende, nagebootste munt van die heeren .

I li I

dateerende van 1055, heeft tot opschrift: ^ |, . maar deze letters . hoewel ze aan het woord Frisia doen denken , zijn de beginletters van FeHdInandus O(omes) I(n) ll(eekheim). Ook dragen de andere duiten . door die heeren nagebootst. steeds

-ocr page 19-

11

do Irtter R als herkenninifsteeken. Op onze. duiten vindt men geen spoor van het woord Eecklieim terug. Daarom zou ik ze liever houden voor conterfeitsels van andere heeren bijv. van de graven van Gronsveld, die ook als valsche munters een belangrijke rol in hun tijd hebben gespeeld. De letter G zou dan op Gronsveld wijzen. Iti het jaar 1019 regeerde daar graaf Joost Mammiliaav van Urontkkoest \')

Zooals ik reeds zeide , draagt geen dezer duiten sporen van in omloop te zijn geweest. Er is dus alle grond om aan te nemen, dat al die geeonterfeiti\'duiten tegelijk geeonlisceerd zijn, toen men ze ook hier iu omloop wilde brengen en ruilen tegen de betere Zeeuwschc duiten, liet komt mij voor. dat het niet geheel onwaarschijnlijk is. dat men ook deze niet gangbare duiten als noodmunt-presentiegeld in 1(57:1 heeft willen gebruiken . om het slaan van nog meer loodjes uit te sparen. Is dit zoo , dan zijn zij in 167 t weer met de overige teruggekomen en later zeker niet meer gebruikt.

Men vraagt zicli.-onwill\'.\'V\'Mirirj af\' kon. er met die loodjes en duiten niet verbazend worden gesmokkeld en kon men ze niet namaken? Er is. dunkt mij. maar een goed antwoord op te geven: namelijk dat men op het stadhuis wist, hoeveel loodjes ieder ontvangen had ^).

Er is veel geschreven over die tinnen nood-presentie-loodjes van het jaar 1(5 72. plaat 1 nquot;. 3; sommigen noemden ze armen-, anderen daarentegen presentie-penningen , terwijl weer andere

\') Zie over de geconterfeite «luiten van Friesland en Utrecht, de bijdragen van Baron J. üe Chi^trki dk 1 Ianki fk , in Revue dc num. beige 1872. 74 en 85.

2) Dat er evenwel toch nv.sbruik van gemaakt werd, bewijst mr. H. O. Firm in genoemde Kijdrii^cn ran (j roniugn % X\'1* deel, waarin hij medc-deeling doet v.m een brit\'l van het jaar 1595 , geadresseerd aan den Welgeboeren hcern hern I-\'.D/Aki»r Grave uml Hlt; er tho Oist Fiieslandt etc. unsMiu Oenadili Heeren en vaarin tlc/-e gewaarschuwd wordt^ dat er zoovele vaische 1 aetUieekenen in omloop /.ijn

-ocr page 20-

15

uuinismatuM ze als noodmunten beschouwden. Mij dunkt dat de laatste trissiiiLreu . mits vereenigd , de ware zijn; liet waren pretenlie-peunhgm . in tijd van trebrek geslagen en bestemd om later ingewisseld en afgedankt te worden. Wat ik vond wonsch ik nu mede te deelen.

a. Loodjes met den Burcht,

Middelburg was natuurlijk oudtijds slechts een port ot\' haven , eerst later werd het tot handelstad verheven. Door den landsheer werd vermoedelijk een burcht gebouwd . deels tot verdediging eu tot bescherming van de belangen der haven, maar vooral met het doel om de tollen in te vorderen.

Vaar den naam der stad heeft men liet wapen van Middelburg gemaakt. Terwijl men dien burcht overal op zegels, poorten, huizen en zoo meer aantreft, vindt men hem terug o]) de volgende looden penningen van de stad,

1 15t\'0. De burcht met open poort, zonder bordes, de eerste verdieping is door een breede streep aangegevenaan weerszijden van het wapen leest men 15—iO.

Op de keerzijde die effen is, heeft men het cijfer \'l inge-stempeld.

Rond. lood. onbeschreven, plaat I nquot;. 1 — Mijne verzameling.

Hetzelfde loodje, maar zonder het cijfer 2 op de keerzijde. Dit exemplaar, meer afgesleten dan het vorige, trof ik onder de andere presentie-penningen op het raadhuis aan.

Oudheidkundige verzameling te Middelburg.

Vermits nergens is aangegeven, hoe de prcsentie-penningen er uitzagen . kan men niet met zekerheid zeggen . of bovenstaande .stukjes tot deze rubriek moeten gerekend worden; de mogelijkheid blijft, dus bestaan , dat zij tot andere doeleinden

-ocr page 21-

16

zijn gebruikt Geldswaarde is er niet op aangegeven, [let cijfer 2 is waarschijnlijk van lateren tijd.

•i. Z j. De voorzijde vertoont den burcht met groote stoep of bordes en met een hoogcre poort. Ue burcht is veel minder breed. Het is niet duidelijk te zien, of de poort al of niet door een hek als gesloten wordt voorgesteld. Het metaal is zuiver lood.

(Deze en de volgende scheikundige opgaven dank ik den beer dr 1\'quot; SEELirKiM te Utrecbt, die zoo welwillend was liet metaal voor mij te onderzoeken).

De keerzijde heeft het cijfer IIII in grove gotbisehe letters door een smal randje omlijst.

Rond, lood, onbeschreven, plaat I n. 2.

In de kistjes op het raadhuis waren 51 exemplaren aanwezig , die alle eenigszins afgesleten zijn.

Oudheidkundige verzameling, Zeeuwsch genootschap en bij mij.

De presentie-penningen van \\ 11 stuiver- , plaat I n0 lt;), van het jaar DitS, hebben ook wel een burcht doch deze beslaat daar slechts cene zeer kleine ruimte in vergelijk van den arend, die hem om den hals draagt ; ik zal hem dus liever later beschrijven bij het arendtjijie.

•\'5 j. denkelijk 1072.

Voorzijde de burcht door een parelrand afgezet. Hij heeft een open poort zonder bordes , en is zeer eenvoudig bewerkt.

Keerzijde. Het romeinsche cijfer VI eveneens door een parelrand afgezet.

Zuiver rond, half tin . half lood

Afgebeeld bij van Loon, Vlle deel, bladz. 1SI , bij Maillet, plaat IA \\ \\ 111 n0. (! en in ZteumeA* Clron jk-almanac/ van bet jaar 1 7^ 1 . bladz. I.V5.

D(\'/,e schrijvers houden evenwel dit loodje ten onrechte voor een noodmunt, uit den tijd van het beleg in 157\'2

-ocr page 22-

17

Ongeveer 1900 stuks zijn thans op het raadhuis voorhanden. Ze, zijn alle zoo weiniy afgesleten , dat men ze niet tot 157:2 kan terugbrengen , terwijl ook het type meer aan de zeventiende eeuw doet denken.

Komt zeer algemeen voor. Plaat I , nquot;. 3.

Ik aarzel dan ook niet deze loodjes, die bijna overal voorkomen , te houden voor dquot; nieuwe loodjes , die men , in plants van de oude of lot vermeerdering can het getal, in 1072 heeft laten slaan , en dat deze een gedeelte der pTesentie-nevnin(ien zijn . die de /teeren ran II eth en Raad aan de -ilad zonder vergelding hebben teruggegeven .

b. Loodjes met den Leeuw.

Het is merkwaardig, dat men tusschen de vele loodjes, die onverwachts op het raadhuis zijn te voorschijn gekomen , eene groote hoeveelheid vindt, waarop niet de hurcht of de arend is afgebeeld , maar de zwemmende Zeeuwsche leenw. Tot nu toe hebben de stadsarchieven mij dit niet kunnen ophelderen: ook is het nergens uit gebleken , dat het presentie-penningen van de Staten van Zeeland zouden geweest zijn.

liet zou mij niet verwonderen, indien deze echt Zeeuwsche stukjes in den beginne voor een ander doel zijn aangewend , maar later als stedelijke presentie-penningen zijn in gebruik geweest en gebleven , b.v. voor uitbetaling aan de gecommitteerden van Middelburg, die in de Staten van Zeeland zitting hadden. Bij het doorbladeren van het quot;Register op de No \'/tulen van Haare Edele Mogende de lleeren Staaten van Zee-quot;land heb ik daar niets gevonden hetreffende presentiegeld. Ue Gedeputeerden in de Generaliteits Ürkenkamer evenwel genoten in het jaar 1(11 S /\' I daags bij provisie. Ook de Raden van Staten hadden vast traktement , dat bijv. in 1583 eveneens f !■ bedroeg.

Misschien zijn liet wel de. uadr louden . hierboven vermeld;

-ocr page 23-

IS

immers , (laar men ia de stadsrekeningen van de 17e eeuw voortdurend van een loodje van een schelling spreekt , en men in U)7~ van oude looclen sj)rak , mag ik wel aannemen. dat het de loodjes met den leeuw geweest zijn, die men tP oude noemde. daar geen andere soort van zes stuivers hekend is. en zij alle kenmerken van oudheid dragen. Plaat I , n0. ö.

Ik vond op het raadhuis vier soorten ; als oudste van deze meen ik te moeten houden het loodje afgebeeld plaat I , n0. 4.

1 Voorzijde; De Zeeuwsche leeuw , ruw van bewerking, het geheele veld innemende.

Keerzijde: 1 . S. door een eden rand afgezet.

Kond, lood. onbeschreven.

Oudheidkundige verzameling raadhuis, Zeeuwsch genootschap en bij mij.

Plaat I , nquot;. 4.

Ik niiiir evenwel niet verzwijgen, dat er twijfel kan bestaan, ol\' dit een stads-raadhuisloodje is geweest . omdat er met grove, zeker zeer oude lettors opstaat 1 . 31» dat wel een stuiver zal moeten be,duiden , want schellingen werden nooit, zoover ik weet , zóó aangeduid. Of de heeren van Weth en Raad ooit zulk een klein honorarium hebben genoten, is onbekend, maar moeilijk aan te nemen, i\'lr zijn slechts vijf exemplaren van bewaard gebleven

.1 Voorzijde : Z j. liet wapen van Zeeland, door een elfen rand omgeven.

Keerzijde Het cijfer VI (stuivers) in gotlusehe letters, eveneens door een gladden , ongelijken rand afgezet.

Hond , iialf lood . half tin . onbeschreven.

Oiulheidkundiire verzameling raadhuis, Zeenwsch genootschap en bij mij.

Op het raadhuis /ajn hiervan !,)•quot;)(gt; stuks voorhanden.

l\'laat 1 , n0. -V

-ocr page 24-

19

3. Voorzijde : Ala voren , maar kleiner en de leeuw geheel anders van teekening.

Keerzijde: Het cijfer VI in groote , rechte, stijve gothische letters , met een randje afgezet. Het cijfer niet zooals hij nquot;. 5 in denzelfden stand als de leeuw op de voorzijde , vandaar dat Mlvark vam Hooiikmbekk er ten onrechte een M nis beginletter van den naiim der stad uit las. Afgebeeld hij Minard van Hoorenbeku , hladz. 220, nquot;. 409.

Ilet metaal hestaat uit veel lood en weinig tin. Plaat I . n0. (i.

Raadhuis, Zeeuwsck genootschap en hij mij.

Van deze soort bestaat nog eene variëteit :

•quot;5quot;. Geheel als voren . maar de leeuw weer anders van teekening ; ook wijst de keerzijde eene wijziging in gravure aan.

Van deze beide variëteiten zijn te samen nog 72.) exemplaren over. Plaat I , n0. 7.

Raadhuis , /eeuwsch genootschap en bij mij.

liet is merkwaardig, dat deze beide laatste loodjes ook hef voorkomen van nieuwheid dragen; ik meen om die reden te mogen besluiten, dat zij naar het oude; type (plaat I. nquot;. ö) in 1672 gemaakt zijn, en ook onder de geremitteerde presentie penningen van een schelling behooren.

c. Loodjes m e t den A r e n d

De typen . die als stadswapen den arend dragen , zijn heide van twaalf stuivers; het zijn de zoogenaamde Hurgenieester-en Sehepenloodjes. Zeer merkwaardig is het, dat op hel ééne type de arend enkel is en op het andere dubbel; dit laatste gt;taat op het oudste der loodjes. Vanwaar dit verschil ? Zooals men weet, is het stadswapen een burcht, maar deze rust van oudsher op de borst van een arend, t. w. van een éénkoppigen . die in de zestiende eeuw veranderde in een tweekoppigen , om later weder zijn oudsten vorm aan te nemen.

-ocr page 25-

£0

Vehheuk van* Gittkhs, Archiet Zwuwseh genootschap , duel 1, ireeCt van een en ander de volgende oplossing. \'/ Den enkelen «arend moet men,quot; zegt hij , «terug zoeken inden arend van «den Roomscli koning Wim.k.m . waaraan Middelburg en zijn //abdij zooveel verschuldigd zijn. Het is bekend, dat liet lijk quot; van dezen te vroeg gestorven vorst in 1282 herwaarts is «overgebracht, dat men ter zijner eere eene kapel heeft ge-»sticht, terwijl men in 1542 een grafmonument voor hem \'/oprichtte.quot; — Dit laatste bestaat niet meer, maar is door een gedenksteen vervangen. — Ken stadszegel van 1325 draagt daarom ook een éenkoppigen adelaar; op het stadskleinzegel stond nog in 1810 eveneens een enkele arend (1. c. bladz. 4). Wat nu den dubbelen aangaat, is men algemeen van gevoelen, zegt van\' Gitti;us . dat men dien te danken heeft aan eene ordonnantie van Mammiliaan\' van Oosthn\'uijk , toen hij als voogd van Fit,ii\'s dkn Schoont. , en later van zijn kleinzoon K aiu:i, V, aan de Rentmeesters beooster en bewester Schelde ordonneerde, om met Burg. -n So/fptwn (lquot;r sleden Middelburg \'\'n Zierikzee ouder den Ixlnl ra// \'s rave//mannen en elk in zijn kwartier kennis te nemen ran alle zoodanige misdaden , als te roren ter cognitie ra// de Hoogquot;, li er schaar ran Zeeland stonden.

Dit bevel had plaats in 1500. De Vierschaar werd gehouden op hat stadhuis , in de groote zaal, waartoe nog heden eene deur, met een dubbelen arend op het sleutelgat, den toegang geeft. Men moet dus, volgens van Ghthiis , dien dubbelen arend niet zoozeer beschouwen als betrekking hebbende op de stad zelve , als wel op de /p/aliteit van Burg. en Schepen en als (Traoenmanne.//, om Hooge, Vierschaar te houden , eene eer, die men niet genoeg op prijs kon stellen.

Op de hoofddeur van het raadhuis, die in 1513 gebouwd is, dus 13 jaar nadat het privilege door den keizer aan de stad is geschonken, is ook een dubbele arend afgebeeld.

Later werden de arenden dan eens met een, dan weder met twee koppen in het wapen gebruikt, zoodat er hoven de in IfUIfi voltooide Oostker!; een dubbele en mor/le l//iiifdde//r, een enkele

-ocr page 26-

•21

adelaar staat. Het wapen der stadscourant was vroeger dubbel, nu sedert 1 Januari 1816, enkel.

In het algemeen treft men op zegels, als anderszins, dan eens den enkelen , dan weer den dubbelen arend aan. Het is bekend , dat men dien vogel, als zinnebeeld van keizerlijke bescherming te Middelburg en te Zierikzee trachtte op te kweeken. liier ter stede had men daarvoor een in 1858 afgebroken Arendshuisje 1). De vogels zelve werden door den knape van het slagersgdd gevoed. — Of bovengenoemde verklaringen van den heer Vkrheijk van Orrruns genoegzaam gegrond zijn. durf ik natuurlijk niet te beslissen.

Men kan dus aannemen, dat het loodje met den dubbelen arend, plant I . tig. 8, eerst na 1500 moet gemaakt zijn. terwijl het andere, plaat 1, fig. 9, dat het jaartal KM-B draagt, in dit jubeljaar is geslagen. Men heeft toen den onkelen arend van Willkm , die als Roomsoh koning in zijn wapen den 1 lollandschen leeuw on een zwarten arend voerde, weer ingevoerd ; immers men wilde te kennen geven, dat men aan de heerschappij van de Spaansehe monarchen zoomin mogelijk wilde herinnerd worden.

De Middelburgsche arend had wel eens oen opschrift als: Aijuila prolege nos. of AquUa mopnia prolefiil.

1. Voorzijde: Z. j Een dubbele arend, waarboven eon kroontje, omgeven door een gladden rand.

Keerzijde: Het cijfer XII in gothische letters, eveneons door eon elfen rand afgezet.

Rond, veel tin, weinig lood.

Afgebeeld bij Minaiuj van I[ooiu;n\'Bkki; , III , bladz. n0. 355 , doch het is aldaar ten onrechte aan do stad Meehelon toegeschreven.

Op liet raadhuis zijn ongeveer 70 exemplaren voorhanden.

1

Zie Paspoort ^ Zcemvsch jaarboekje 1861

-ocr page 27-

\'22

Kaiidhuis, Zccuwsch i^i\'iiootschap en bij inij. I\'laat 1 . n0. S

Het is tamelijk zeldzaam.

i Voorzijde: Enkele, zeer fraai bewerkte arend, waarboven de keizerlijke kroon , dragende op de borst een schild , waarop de burcht van Middelburg.

Keerzijde; 1648, waarboven in romeinsche cijfers \\ II.

Rond , tin , weinig lood.

Op liet raadhuis zijn 26 stuks voorbanden \').

Raadhuis, Zeeuwsch genootschap en bij mij. I\'laat I , n0, 9.

/ooals ik reeds heb opgemerkt, is dit fraai gesneden loodje het werk van den bekwamen graveur J. Looit; geen wonder, dat liet in bewerking boven de andere preseutie-penningen uit-munt. Het is niet zeldzaam.

15, Ar m e n p e n n i u g e n.

Ouder deze treft men doorgaans de meeste verscheidenheid in loodjes aan Daaronder rekent men in de eerste plaats de stukjes, die door de verschillende diaconieën ten behoeve van liare armen geslagen zijn, als bijv. turf-, brood-, wijn- en smoutloodjes.

Vervolgens sluiten zich hierbij aan de bedelaars- en leprozen-penningen , gasthuisloodjes om in en uit te mogen gaan, penningen , die aan weeskinderen werden uitgereikt om het getrouw kerkgaan te controleeren, en vele andere stukjes meer. Van al deze loodjes, die zonder twijfel ook in Middelburg behbeii rondgegaan , vond ik slechts zeer weinige terug.

Ueze enkele, die met zekerheid aan Zeelamls hoofdstad zijn toe te schrijven , zijn of turf- of broodloodjes.

/.ij dragen ;ille den burcht op de voorzijde, doeh deze ver.-cbilt ui vorm, ook zijn zij in geen geval ouder dan de 10® eeuw.

Evenals overal, was ook hier de verzorging der armen in

\' Uirks . Kc|\'. no. 1O73.

-ocr page 28-

•Z3

handen van kloosters en geestelijke gestichten ol\' corporation. De invoering van den Hervormden godsdienst bracht hierin ingrijpende verandering tot stand ; na dien tijd was de armenverzorging aan de verschillende diaconieën toevertrouwd, Bij onzen tijd vergeleken, liet zij veel te wenschen over ; van een burgerlijk armbestuur, van vereenigingen tot het bezoeken der armen, van particuliere soep-, spijs- en kleederenuitdeelingen was geen sprake,

Annenpenningen met namen of afbeeldingen van heiligen . heeft men voor Middelburg niet teruggevonden , maar zij /uilen wel bestaan hebben. In bet werk van dr. (Jouonkl, l/W-delburg voorheen en thans, waarin de geschiedenis van het armenwezen in deze stad zoo uitvoerig mogelijk is behandeld . lees ik (bladz. 48), dat in April 1565 van het stadhuis werd afgekondigd , dat alle bedelaars , die nog geen vier jaren in de stad gewoond hadden, deze onmiddellijk moesten verlaten, en dat niemand, zonder teeken van den aalmoezenier ontvangen , mocht bedelen; liet was daarenboven ten strengste verboden, dit te vervreemden. Hoe dat teeken er heeft uitgezien, is niet te gissen.

De oude notulen der hervormde diaconie zijn grootendeels geheel verloren gegaan \').

Gelukkig is bij het bestuur der Godshuizen en in het Archief van het Burgerlijk armbestuur nog voorhanden liet Register op de Notulen van 1594 tot 17(19

Ik vond er voor mijn doel weinig belangrijks in.

In 1595 hadden vanwege de diaconie turfbedeelingen plaats.

In dat jaar was de winter bijzonder koud en streng.

Tot het uitdeelen van turf waren Diakenen aanifcsteld ; bad-

\') Ifet annweeskuis te Middelburg, sedert de stichting in ,/e .Voord-straat, tot de tijdelijke sluiting op hel Noordpoorlplein 1572—lSi2. ()c-schiedkundige aanteekeningen door W. J. Zir , seciciai is-penningmeester van hel bestuur der godshuizen, bladz. 6.

3) Register der voornaamste zaaken gevallen en resoluticn die gevonden worden in de Notulen van de eerwaarde diaconie der gereformeerden neder-duytsen armen c,i- tot Middelburg van 1594—1769.

-ocr page 29-

\'It\'ii (ltv,c cvi\'iiuci eeili: cxtrabedeeling van oude lieden op zioli genomen . dan waren zij vrij van dc. loot- en turfbedeeimgeu , die in den winter geregeld plaats hadden

Ik geloot\' niet, dat men toen reeds imÜoodjes gebruikte, want in volgende posten, leest men voortdurend van turf-InljKllc.n. , die door den praeses werden uitgereikt en nog wel niet meer , dan écu (biljet) voor jjder ■persoon in elke maand (October 1(506).

in 1(!£9 hadden de turf bedeel ingen , naar het schijnt, reeds wekelijks plaats. Immers men leest, dat een diaken, die zijne beurt bij de wekelijksclie uitdeelingen verzuimde, eene boete van •) stuivers had te betalen 2) ; men rekende dus ook ai\' en toe met gedeelten van den gulden , in plaats van altijd met schellingen.

In 163« wordt voor het eerst van turf loodjes gesproken. Deze moesten bij de wijkmeesters afgehaald worden. L)c stad was namelijk in den beginne (September 1595) in 8 wijken verdeeld, daarna in 9, en eindelijk in Kill in zeven :i).

üp de oudst bekende turlloodjes van Middelburg . die van lood en nog niet van koper waren , (plaat IL, nquot;. 1) vindt men dan ook het nummer der wijk op de keerzijde ingestem-peld; het is dus zoo goed als zeker, dat zij uit het begin der 17quot; eeuw afkomstig zijn. Eigenaardig is ook op deze loodjes de vorm van het stedelijk wapen , dat hier denzelfden eenvou-digen poortvorm heeft, als het presentieloodje van het jaar 1510 (plaat 1 , n0. 1).

Daar op een van die presentieloodjes het cijfer 2 op de keerzijde is gegraveerd , een teeken,dat op de latere turlloodjes voor een extrabedceling gold, bestaat de mogelijkheid dat de stukjes , die ik boven presentieloodjes noemde , de alleroudste turlloodjes zijn.

In 1709 kregen de wijkmeesters toestemming om hij cxlra nooden of harde rorsl, eeue dubbele portie uil te deelen ,

11 L. c. ful. $()9.

-ocr page 30-

25

maar tevens werd in 17■J\'J opnieuw bepaald , dat niemandL up de (jrootc. o/h\' klyne rul stuf.nde, meerder mocht ontvangen, dan een zak turf op iedere uitdeeling en dat wel op eene boete van 3 gulden

In 175 1) alweer eene wijziging! De loodjes vroeger door den wijkmeester toebedeeld , werden nu voortaan door den Prae-ses iedereu Vrijdag uitgereikt; dit was voor de armen . die op de stonden, omdat op dien dag te gelijker tijd brood

en geld werden uitgereikt Wat het verschil uitmaakte tus-sciien het voorrecht van op de groote. of op de kleine rul te staan, kan men uit het volgende eenigszins nagaan.

De armen op de kleine rul werden niet duorloopend bedeeld ; zij moesten in persoon om hun geld komen, en de pracses mocht dit op eene boete van 10 stuivers aan niemand anders, dan aan de bedeelden zeiven geven 2).

Hadden deze armen zes of acht maanden op dc kleine rol gestaan , dan konden zij op de gruule rol geplaatst worden 3),

Dit laatste was dus veel voordeeliger. In het jaar 1738 waren er op de groote rol \'2(10 en op de kleine 220 ingeschreven , bij eene meestal hervormde bevolking van 27500 personen *).

Wat de geschiedenis der broodloodjes aangaat, daarvan is nog minder mede te deelen; er wordt dan ook in het Notulen Register niet van gesproken. Wel leest men , dat aun d/\' arme Luyden geld en brood zal uitgereikt worden , welk brood in de school, (dit is liet armweeshuis of oudemannen- en vrouwenhuis, waarin men een tijd lang eene eigene bakkerij gehouden beeft), zal gebakken worden, maar van broodAW/ö,ï, daarbij in gebruik, wordt geen melding gemaakt. Deze brooduitdcelingen hebben zich langen tijd staan.Ie gehouden ; ook werd in October 173S nogmaals bepaald, dal olie snbjeclen brood bij htm geld moeien hebben. , op eene boete van 20 stuivers.

\') Register fol. 6oi. \') Register fol. 517. 3) Register fol. 518. 4) Zie Fokkkr . Archief Zeeuwse h gctiootschap. Ill, 3dquot; stuk.

-ocr page 31-

■16

in het archief der godshuizen bewaart men nog een boek . dat bekend was onder den naam van Loodjesboek , en waarop inderdaad Lootjeshoek geschreven staat; het bevat evenwel slechts een register van de mutatiën in het toenmalige gasthuis, van 17IS tot 178S. Maar de titel doet vermoeden, dat liet oorspronkelijk eene andere bestemming heeft gehad.

Zie hier de turf- en broodloodjes, die ik heb kunnen opsporen.

a. T u r f 1 o o d j e s.

1 Voorzijde: Z. j. De burcht van Middelburg in zeer primitieven vorm, daaronder tusschen twee strepen het woord Tor/.

Keerzijde: Hierop vindt men slechts (f) (W) ingestempeld , dat zonder twijfel \'/vierde diaconiewijkquot; zal hebben aangeduid.

Kond, lood, onbeschreven.

Oudheidkundige verzameling raadhuis.

lquot; Als voren, maar op de keerzijde is (5) (W) (vijfde wijk) ingestempeld.

Mijne verzameling. Plaat 11 , nquot; 1.

Deze zeer zeldzame turfioodjes zijn mij in geen andere verzameling voorgekomen.

2. Voorzijde; De burcht, omgeven door een binnen en buitensten parelrand. aan beide zijden van het wapen staat een sterretje.

Het omschrift is : Middelburgh {}■ 1660 tj-.

Keerzijde: Tor/, daarboven het wapenschild van Zeeland, eveneens omgeven door een binnen en buitensten parelrand In den rand leest men : . amp; voor den : Ü- : armen

Kond . roodkoper.

Afgebeeld bij Misari) van Huokknbkkk, II. nquot; 107

Kaadhuis , Zeeuwseh genootschap en bij mij

Als voren , maar aan den voet van den burcht is een stempel ingedrukt , in den vorm van een blaadje

-ocr page 32-

27

Deze variëteit komt veel vu ld tg voor, bijv vim de 110 stuks, die ik holt bezit, hebben 105 het stempeltje.

Hetzelfde merk kdiiit op de turtioodjes van 17;57 voor: het zal zeker gediend hebben om bedrog tegen te gaan.

Raadhuis, Zeeuwsch genootschaj) en bij mij. Plaat II, nquot;. 2,

2b. Als voren, maar met het cijfer 2 naast den burcht inge-stempeld , dat wellicht voor eene dubbele bedeeling gold.

Deze variëteit komt menigvuldig voor

2l\'. Als voren, zonder het cijfer 2, maar onder het woord turf, in romeinsehe cijfers X L gestempeld, hetgeen waarschijnlijk het te ontvangen aantal turven uitdrukt.

Mijne verzameling.

Ken exemplaar, met liet cijfer XVII gestempeld, bevindt zich in de oudheidkundige verzameling op het raadhuis.

2\'\' Als voren , maar mét een G onder het woord tori\'.

Deze C zal wel recht gegeven hebben op 100 turven, dat gelijk stond aan een zak turf. Dit was, zooals ik op bladz. 25 reeds gezegd heb, de hoogste bedeeling die de armen mochten ontvangen.

Is mij slechts voorgekomen in de verzameling van den beer ur. Sciiodï te Brussel.

3. 1737. Type van liet loodje van 16(10, maar de bureht is veel grooter en uitvoeriger bewerkt.

De binnenste parelrand ontbreekt. Omschrift: Middelburgh

17.\'37

Keerzijde: Turf in plaats van hel vroegere Torf Ook hirr is de binnenrand weggebleven. Omschrift: t* voor . den armen.

Kond , roodkoper , niet zeldzaam.

Afgebeeld bij Minaiiü van 1Ioouhnj)KKi: , p 219, nquot;. 408.

Mijne verzameling l\'lnnt II , nquot;. .\'5.

-ocr page 33-

28

.quot;iquot;, Als voren . maar do burcht met een gestempeld blaadje aan den voet.

Deze variëteit is zeer algemeen en komt bijna in iedere vor-zameling voor,

31\'. Als voren, maar hetcijl\'er 2 naast den burcht ingestempeld.

Komt eveneens zeer algemeen voor.

liet schijnt eenigszins vreemd, op diaconieloodjes het wapen der stad. zonder kerkelijke bijvoegsels te zien. Dit laat zich evenwel gemakkelijk begrijpen door het verband, dat bestoud, tusschen de rege.ering en de diaconie; zoo zijn bijv. in Juli 1754, uit een door den kerkeraad opgemaakt dubbeltal , de diakenen verkoren door den mafjislraal; daarenboven waren er nog , voor de zoogenaamde Groote armnn , armmeesters door de regnimng aangesteld. .Vaderhand zijn die (Irootf en Diawmiearmen xwvn-gesmolten . maar de stedelijke regeering bleef toch het hoofd er van, en de regeerende burgemeester deed de keus uit de voordracht [Clironijk-almanach 1779), wiens goedkeuring zij ook bij belangrijke besluiten moesten aanvragen , en daarom bleef zeker de burcht op dc armenloodjes.

Ik zeide reeds, dat de ingestempelde blaadjes op bijna alle turlloodjes van 1660 en 1737 voorkomen. Ik vermoed, dat men na 1737 knoeierijen zal ontdekt hebben, en dat men daarom de bij de diaconie berustende loodjes heeft laten stempelen. De weinige aan de diaconie ontvreemde bleven daardoor oage-stempeld en zijn zeldzaam geworden. Nog moet ik met een enkel woord vermelden . dat de in onbruik geraakte loodjes van Uilil) en 1737. dh blijkens dat stempelen, te gelijker tijd gebruikt werden , voor cenige jaren , door den een of ander ten getale van eeuige honderden , aan een uitdrager zijn verkocht. Deze man heeft ze stuksgewijs aan anderen overgedaan, doch ik heb mij de laatste, ten getale van 125 kunnen aansehall\'en.

Thans worden geen loodjes meer gebruikt.

-ocr page 34-

29

h. Broodloodje s,

1. /i. j. Vierkante penning, met afgeknipte hoeken.

Voorzijde; Twee gelijke stempels, bestaande uit den burcht,

waarboven eene zeer sierlijk gegraveerde keizerskroon , aan beide zijden van den stempel li 1\' (broodpenning). Onder aan drie, tamelijk diep ingesneden streepjes , dat wel het cijfer 8 zal hebben te kennen gegeven.

Eenzijdig, ijzer, onbesclireven.

Mijne verzameling. Plaat 11 , n0. t.

Dit stukje, dat mij nooit ergens anders is voorgekomen, du-teert zeer waarschijnlijk uit de K!quot; eeuw; ouder kan het niet zijn, vermits vóór dien tijd de keizerlijke kroon nog niet boven liet stadswapen prijkte.

2. \'//. j. De burcht, zeer grot\' en slordig bewerkt. Naast en onder het wapen zijn de letters 1? L V ingestempcld (jtfrood Aood /\'oor (Middelburg).

Dit alles door een breèden gladden rand afgezet.

Eenzijdig, rond, lood, onbeschreven, is tamelijk zeldzaam.

Mijne verzameling, Zeeuwsch genootschap. Plaat II , n0.

■\'5. Als voren , doch aan weerszijden van den burcht staan in twee gekartelde compartiment jes de letters M B, waaruit men l/iddel/;urg kan lezen, of wel Middelburg /?roodlood

Lood , onbeschreven.

Mijne verzameling. 1\'laat II, n0. (i

4. Als voren, docli in de gekartelde vakjes staan de letters A K (y/rmen/-erk).

Lood , onbeschreven.

Mijne verzameling. Plaat II. nquot; 7,

Sommigen wenschen hier liever mmnkamer te lezen . doch

-ocr page 35-

30

daar dit woord in Middelburg niet gebruikt werd . lees ik er liever arnu\'u/vr/- uit.

Dit loodje diende dus wellicht ook om het kerkgaan der armen te controleeren.

Over het algemeen komen de broodloodjes zeer weinig voor. ze zijn meest alle verkocht en gesmolten \').

Nog een merkwaardige , zeldzame penning blijft ter bespreking over. en die niettegenstaande hij geheel van het type der bestaande armenpenningen afwijkt. toch in dit werkje dient aangehaald te worden

Het is de penning van het ouderaannen en vrouwenhuis, dat vroeger in de korte Noordstraat . het tegenwoordige kazernegebouw. gestaan heeft. In 1613 met den bouw daarvan begonnen, werd het eerst in 1621 voltooid *).

Tot op het einde van het jaar 1808 heeft dit gebouw zijne bestemming nis prorn/rier#- of oudemmnen- en vrouwn/iuis behouden quot; als wanneer hetzelve, uithoofde van diep verval door quot;het stedelijk bestuur is gesloten en sedert tot andere einden quot;dienstig gemaaktquot;quot; s).

De voorzijde van den penning vertoont op het veld den burcht van Middelburg . tusschen het jaartal 1680.

\') Een \'.eer zeldzaam diaconieloodje vindt men in het Koninklijk pen-ningkabinet te alwaar het onder de Zeeuwsche loodjes is opgenomen.

Dank zij de goedheid van den directeur, den heer A A. Looijkn , hel) ik er een - goede teekening van mogen ontvangen . doch toen bleek hel mij . dat het nir in Middelburg maar in Alkmaar tehuis behoort.

l)c voorzijde heeft een burcht, waar naast de letters A M Wlkwaar) daarboven l)i . akor.i . r.lles door een breeden rand afgezet.

I le keerzijde heeft eveneens een burcht. maar is veel grooter en anders v;in teekening. /eci onduidelijk maar toch goed leesbaar slaat liet jaartal 15:73 lt;1 ir naast.

I gt;e keerzijde komt in ilies |itccies overeen met de Alkmaarsche noodmunt. ifgehecld bij van I.oon . 1, blad/. 167. nquot;. zoodat liet loodje naar mijne meening, met zekerheid aan deze; stad heeft toebehoord. \') W. |. Zie. 1. e, bladz. 3. 3. W. J. /iigt;. 1. t.. blad/.. 15.

-ocr page 36-

••51

Omschrift: {!■ Willem, vau der Burcht. amp;• Preeses . Gaspar van . Sta.

De keerzijde laat ons een ouden man en vrouw zien . naast elkander op een geruiten grond staande.

rni

Omschrift: ./J Reghenten . van quot;t . manhuis . Jannis van der Cruisen . L. Groume 1). Plaat 11 . n0. 8,

Mijne verzameling.

Behalve dat liet muntteeken van onze stad duidelijk op den penning tc zien is, niettegenstaande eene groote opening, die ik evenwel slechts zeer klein op de afbeelding heb aangegeven , er een gedeelte van heeft onzichtbaar gemaakt, komen ten overvloede als bewijs, dat het ons manhuijs is, dat hier wordt bedoeld, de namen dezer heeren regenten in de notulen der stad voor.

Het blijkt dat Joannes van de Cuuyse mrcoren is als re(jfnl den 19 December I67(i ; Lambhht Grommki; den 25 Februari 1()79 Willem v. d. BrunuT den is November 1079 en Caspar van Sta den 3 Februari 1680.

Vergelijkt men deze namen met die op den penning , dan bemerkt men dat de schrijfwijze van sommige daarop iets anders is. In de wandeling werd kortsheidsbalve meestal van quot;t manhuijs gesproken , waarom dit woord dan ook alleen maar op den penning wordt vermeld.

In de Crom/k ca» Smallegange , ziet men bij de afbeelding van he, t oudemnnnen- en vrouwenhuis, boven de poort, de beide oudjes afgebeeld . die onze penning ook te zien geeft. Dat er eene groote opening in voorkomt, is wel een bewijs, dat hij vroeger aan een koord zal gedragen zijn.

1

) Zie mr. J. Dirks , Noord-Nederlandschc gildepenning:\'! . plaat I,X VI . no. 29. alwaar hij dooi den schrijver wegens zijne overeenkomst met de Mid delbur^schc gildepenningen . ofschoon er niet toe behoorende . is opgenomen.

Vroeger hel eigendom van dien heer. is hij door de welwillendheid van den eigenaar, met eene groote verzameling andere Nederiandsche armen-penningen, thans in mijne verzameling Zeeuwsche penningen overgegaan.

Voor dit edelmoedig geschenk /ij hem hier nogmaals mijn hartelijke dank betuigd.

-ocr page 37-

32

Maar waartoe hij wel kan gediend hebbenr1 ik veronderstel dat hij aan ieder der oude bewoners van het gesticht, bij hunne intrede aldaar, zal zijn geschonken.

Dat deze oude lieden enkele voorrechten in de stad genoten, als vrijdom van poortrechten, vrije zitplaatsen in de kerken, en meer dergelijke zaken meer, behoeft geen betoog , en even natuurlijk is het. dat otn eventueele knoeierijen tegen te gaan, het vertoonen van een leeken verplichtend was, In andere plaatsen, bijv. in Amsterdam, waar het personeel in die ge-stichten zeer uitgebreid was , gebruikte men penningen, die bijna van dezelfde grootte waren als onze regentenpenning, en deze moesten den portier tot bewijs strekken , dat de persoon , al naar dat hij het begeerde, in of uit het gebouw moeht gelaten worden Maar in Middelburg zal men zulke toegangspenningen wel niet noodig gehad hebben, en daarom houd ik hem liever voor een h\'i\'lceu , dat te kennen gal\', dat men in het inanhuijs woonde , en dat gemakshalve aan een koord werd gedragen.

Hij is geslagen en van rood koper.

C. Kerkelijke loodjes.

Onder deze benaming worden hoofdzakelijk de koperen of looden stukjes bedoeld , die oudtijds als bewijs dienden , dat men waardig was gekeurd . het heilig avondmaal in de prote-stantselie kerken te mogen bijwonen.

Het eerste denkbeeld van de invoering van dat gebruik schijnt van de hervormers Cai.vin en Viiiet te Genève te zijn uitgegaan. Immers in eene zeer interessante studie getiteld: Lquot; méreua dans h\'x Ijjliite* réfurmée.s protenlant-\'s d\'- France., flunx ciif/\'1 ffsbj/térUu (b\' la Grande BrHagm gt;\'1 d\'Jrlaiide quot;l cht\'z les BapUsles d\'Ecosse , /jnr M. Kmmam ki. Dixurmk , vindt men aangetcekend, dat beide hervormers zich in 1500 met het volgende verzoek tot den Pelit ConseU wendden \').

1

1 Do/c en \'le volgende anntoekeningen over Fransche avondmaaltee-kenü . /.ijn .im genoemd boek ontleend.

-ocr page 38-

33

\'/Que pour empescher la profanation cle la Oène, il seroit bon //que chascun allast prendro des jnarreaux de plomb (jetons) //pour ceulx de la maison qui seraient instruits, et les estran-/\'gers qui vicnnent, ayant rendu témoignage de leur foi, en quot;pourront prendre, et ceulx qui n\'en auront pas, ne seront \'/ pas adinis,quot;

De leden van den P\'-lit Coiwil hadden evenwel geen ooren voor dit zonder twijfel zonderling verzoek, en zelfs later, toen men bijna overal elders do avondmaalteekens in de hervormde gemeenten had aangenomen , bleef die van Genève halsstarrig weigeren, deze in te voeren. Ze zijn dus daar nooit in gebruik geweest. Calvin was er evenwel de man niet naar, om zich zoo spoedig te laten teleurstellen.

Hij wendde zich daarom tot de naburige protestantsche gemeenten in Frankrijk, en vond daar dadelijk beter gehoor Vim dien tijd af dateeren de zoogenaamde ar o n (hna al loodjes. Iedere gemeente schafte zich natuurlijk een eigen teeken aan . maar men vond er altijd liet een of ander godsdienstig zinnebeeld op afgebeeld. Zoo had de gemeente te Agenais (Lot et Garonne) den Christus in de gedaante van den Goeden Hurckr aangenomen, op eene soort hoorn blazende, terwijl hij met den rechter arm op een staf leunt: —dit alles te midden van een weiland, omringd door boomen en struiken, terwijl een zestal schapen voorbij trekken. Uit de wolken vertoont zicli een kruis. waaraan eene /.wevende vlam hangt.

Op de keerzijde zag men een open bijbel , waarop gegraveerd stond quot;Ne crains point petit troupeauquot; St. Luc. li v. 32.

Een andere dikwijls voorkomende vorm was de miskelk. in de gedaante van een kandelaar, omringd door twee brooden.

Op de keerzijde stonden dan de initialen der gemeente bijv. K I) li M (Kglise de la Mothe).

Op weer andere zag men een brandend hart, door twee degens doorstoken . waarboven een zon met het opschrift: quot;Mais «sur voi is qui eraignez tnon nom se Ie vera Ie soleil de justicequot; Malaclüe I \\ , 2.

3

-ocr page 39-

3J.

Op de keerzijde daarvan y,ag men et\'ii krokodil, die vastgehecht zat aan den voet van een palmboom \'j.

Dit teeken behoorde aan de gemeente te Ximes en was van lood. Zeer verschillend was de dienst, dien deze loodjes na verloop van jaren bewezen.

In 1\'oitou bijv. werden zij door den predikant eenigi; dagen vóór het heilig avondmaal, dat meestal in een bosch onder de schaduw van een eikenboom gehouden werd, aan dc ouderlingen ter verspreiding uitgereikt. Deze moesten streng toezien, dat ze slechts aan erkende leden der gemeente werden uitgedeeld, om daardoor te voorkomen, dat spionnen of Roomsch-katho-licken aan die feestviering konden deelnemen, hetgeen in dien tijd voor eene ontwijding van bet avondmaal gehouden werd.

rijden* de strenge vervolgingen onder Lom;wijk XIV droegen de Protestanten deze stukjes in het geheim als onderling herkenningsteeken.

In den tijd, toen de vervolgingen minder sterk waren, werden ze slechts uitgereikt aan ben , die door den predikant waardig werden gekeurd, bet avondmaal te mogen bijwonen. Hoe nuttig deze maatregel misschien ook moge geweest zijn, de godsdienstijver van sommige predikanten ontaardde daardoor niet zelden in zeer verkeerde maatregelen

Dit leert ons o. a. de geschiedenis van eene voorname Fran-sche dame, Mquot;16 m Plkssis Mornai geheeten, aan wie men de bijwoning van het avondmaal eenvoudig weigerde; , omdat baar i-dpsi\'l niet naar den zin van hoeren predikanten was. Wat was gebeurd \'f Deze dame uiterst braaf, godsdienstig en streng van zeden, was. wat bare kleeding en het opmaken van het baar betrol , een vijftien jaren in de mode ren achter geraakt. Mn welke smeekschriften zij en haar man ook aan predikanten en consistoriën indienden . zoolang zij geen verandering in haar kapsel bracht, hielp het haar niets.

!) Volgens den heer mr. J. Dirks komt dit zinnebeeld reeds op zeer oude Romeinschc munten vuur.

-ocr page 40-

Mmedij Plessis Moiin\'ay , ten slotte het strijden moede, is van woonplaats veranderd, waar zij eindelijk door een minder streng predikant tot liet avondmaal werd toegelaten.

Do heer Deloiime beschrijft dit kapsel ids volgt: »Oefctc n coiffure consistait en cheveux relevés en forme- de diadème van moven d\'un lil de laiton, laissant 1quot; front tres découvert quot;donnant ii la plijsionomie qucl(|ue chose- de piquant et d\'elfronté // pouvant u la rigueur blesser In susceptihilité d\'un nunistre « puritainquot; \').

Alhoewel de Fransche loodjes niet met ons doel te maken bebhen, heb ik gemeend, toch liet een en ander uit genoemd werk te mogen aanhalen, omdat ze uit Frankrijk naar ingeland . Duitsehhmd en IVederland zijn overgekomen. Ze zijn dan ook in l\'lngeland volop in gebruik geweest , tot zelfs voor korten tijd tor. Iiaugzamerband zijn evenwel deze lo-/vw-v, zooals ze in Engeland genoemd worden, door kaarten vervangen.

Ook bij de Roomseh-katholieken waren loodjes in gebruik, maar hadden daar erne andere beteekenis. Volgens van Orden, Jiijdragm lol de vumismaliek ran het koninkrijk der Nederlanden , werden zij aan geestelijke en wereldlijke koorbedienden in de kerken uitgereikt. Maar deze loodjes werden later in gangbaar geld ingewisseld, zoodat het toch eigenlijk slechts pr esen tiepeuti in gen waren, want wie niet in de- kerk ver-seheen , kreeg geen loodje, en daar de koorbedienden geen vast

\') Tijdens het drukken van deze bladzijden, werd in hel «Bulletin de numismatique van den heer R. Serrurk,quot; een nieuw werk over pro-tcstan\'sche avondmaalteekens aangekondigd.

»I,c méreau dans les Eglises réfonnées de France et plus particulièremcnt »dans celles du Poitou . par li. GemN ; Saint-Maixent , imp. Ch. Rkversk gt;1891 in 8\' de 124 pages avec 8 planches.quot;

De heer Gkmn, terwijl hij herhaalt, wat gt;:ijne voorgangers reeds over dit onderwerp geschrcven hebben . schijnt uit nieuwe clocumenten nog vele onbekende avondmaalteekens teruggevonden te hebben.

Daar het werk niet in den handel is, kon ilv er tot mijne spijt, niet uil aanhalen.

-ocr page 41-

36

salaris trokken , was liet in hun eigen belang, zoo trouw mogelijk hunne kerkelijke plichten te vervullen.

W\'iit de Nedcrlandsche avondmaalteckcns aangaat, die voornamelijk hij de Waalsche en I juthersohe gemeenten in gehruik zijn geweest , daarvan vond ik eene uitvoerige beschrijving in het werk van J. O. Schi ltz .Iacoiu, Oud en Nieuw uit de geschiedenis der Nednlmidw/ie Lulhersche kerk, Rotterdam lSfi2 ,

Ik deel hieruit het een en ander mede. — Reeds zeer vroeg werd er gesproken over zekere kek ens , die hij de avondmaalsvieringen aan de leden werden uitgereikt. Zij bestonden uit gestempelde of gegoten stukken van lood of koper, rond. ovaal of vierkant. Deze teekens moesten ten bewijze dienen, dat men de iiieeht niet verzuimd en de verkondiging van Gods genade gewaardeerd had . alvorens aan de avondmaalstafel te komen. Wie zich vergenoegde met de bier te lande gebruikelijke alge-meetie zondenhelijdenis hij de openlijke voorhereidingspredikatie, ontving zulk een tfekfn. na den alloo]) daarvan, aan den ingang van het doophuis . waa\'r een predikant en een ouderling met de uitreiking daarvan waren heiast.

Vonden deze heeren iemand onwaardig, om het avondmaal mede te vieren, dan hadden zij het recht die teekens te weigeren. Nu gebeurde het wel, dat een hraaf en vroom gemoed door willekeur van den predikant de dupe van dezen maatregel werd I5ij de avondmaalsviering zelve werden de loodjes weer door een ouderling in ontvangst genomen, die op liet niet vertoonen daarvan zijne aanmerkingen maakte. Om het kwetsende daarvan weg te nemen werden in sommige gemeenten . bijv. te \'s-Gra-venhage, liever eene vaas of eene schaal aan den ingang van het doophuis geplaatst , waarin dan de loodjes werden ontvangen. Maar zoo gebeurde het meermalen, dat men zilvergeld in de vaas in plaats van de loodjes terugvond Deze feestgaven namen hoe langer hoe meer toe, en dit was de oorzaak, dat de avondniaalteekens niet meer aangevraagd en dus ook niet meer uitgereikt werden De kerk en de armen voeren daar zeker veel beter bij in Amsterdam waren ze zelfs in deze eeuw nog

-ocr page 42-

in gebruik, doch diendeu toen om het gclal coininunianteii te bepalen, lu Arnhem werden ne in 1808 iil\'gescliaft, omdat men ze zoo roomsch vond, — een duidelijk bewijs volgens den lieer Sckultz Jacobi , dat men van de eigenlijke instelling niets meer af wist.

Ofschoon genoemde lieer het type aangeeft van de loodjes, die in de voornaamste plaatsen van Nederland gebruikt werden, willen we ons slechts tot de Zeeuwsche bepalen, waarvan er slechts in Middelburg en misschien ook in Vlissingen zijn gangbaar geweest.

In Bijdragen //. Df Luthersche gemeenten in Zeeland, hladz. 107, door Domki.a Nibüwbnhijis , vond ik vermeld, flat de avondmaalsviering te Middelburg sedert 1624 voornfgegaan werd door een huisbezoek van een predikant met een ouderling, dat echter van 1693 tot 1701 wegens de kwade bejegening bij sommigen , waarover de predikant klaagde, werd opgeschort.

Bij dit huisbezoek zullen de loodjes uitgereikt ziju. Meu heeft die gebruikt tot in het begin dezer eeuw , wanneer ze iu onbruik zijn geraakt. De heer ülkkki:i! . predikant bij de Luthersche gemeente alhier, schreef mij , toen ik hem «enige inlichtingen omtrent het gebruik van avondmaaltcekens in deze gemeente vroeg, dat er stellig geen enkel exemplaar van deze loodjes meer te vinden zal zijn. Vermoedelijk waren ze van lood, en werden door iemand van den kerkeraad of een kerkelijk beambte geslagen. De stempel, waarmede deze loodjes geslagen zijn, en die het jaartal 1708 draagt, is daarentegen nog voorhanden. Mij is van ijzer, 170 e. m. lang en weegt een kilogram. Van hoven loopt hij in eene platte ronde, plaat uit, waarop vroegere hamerslagen duidelijk sporen hebben achtergelaten.

De loodjes, die aan beide zijden met dezen stempel zijn geslagen, vertoonden temidden van bet jaartal, een anker, op golven rustende. Hoven dit anker zag men een hart, terwijl alles door een parelrand omgeven was. In den rand las men: Sigilluin, IjccI (esiae) Aug (sburgensis) Mittel. H (urgensis.)

-ocr page 43-

38

Hij tri\'hivk ium lid loodje zeil\', heb ik o)) pluat IV nquot;, 8 een afdruk van dezen stemjiel ircplaatst.

Er bestaat ook nog een dertrelijke stempel, die kleiner is, van liet jaar 1731.

liet is niet bekend, dat bij de Hervormde en Waalsche gemeenten in Middelburg ooit avondmaalloodjes trcliruikt zijn.

liet zeL\'t\'lbi\'eld van deze laat-ste gemeente is eveneens een staand anker op zeegolven, maar liet wordt vastgebonden door eene hand , die uit de wolken komt.

In bet lii\'yisler van dn Notulen van de Hervormde diaconie, dat ik reeds bij de bespreking der armenloodjes beb aangehaald, wordt nog medegedeeld, dat er penningen bestonden , die aan weeskinderen werden uitgereikt. Deze moesten aan diakenen worden afgegeven , als bewijs, dat zij de predikatie in de eene of andere kerk hadden bijgewoond.

Hadden de weeskinderen hunne belijdenis afgelegd, dan was het hun vrijgelaten , den predikant te gaan hooren, naar wiens voordraebt zij bet liefst luisterden. Daartoe worden in bet jaar 1702 /\'looden penningen geprepareerd\' \'). Ook van deze ponningen zijn. zoover ik weet, geen exemplaren meer voorhanden.

Thans worden te Middelburg geen loodjes, maar daarentegen dunne blikken plaatjes, met een cijfer genummerd, aan de armen gegeven, om hun geregeld kerkgaan te controleeren. Deze maatregel was een vijftig jaar geleden ook in gebruik , is toen wegens ontduikingen afgeschaft en nu weer ingevoerd.

A 11 N E M UI I) E N.

Arneinuidet) lag aan //den mond der Arne \' zoo noemde men het door de schorren van \\\\ aleheren naar zee loopende water, dat men door dijken ingesloten en tot haven van Middelburg heeft gemaakt.

Arnemuiden. dat aan zet! lag, was dus eene soort van voorhaven en deze heeft tot op het einde der l(ie eeuw steeds in zekere afhan-

M Hcgister Notulen blad/. 303.

-ocr page 44-

89

kelijkheid van Middelburg gestaan. Vandaar, dat iiicu Aruemuideu wel eens bij den hals van een zak vergeleek, waarvan Middelburg liet lichaam uitmaakte dat dan ook dien hals voedde.

Alles was op Middelbnrgsche leest geschoeid, voor zooverre dit de geringheid der plaats toeliet. Er is uog een belangrijk Archief voorhanden, dat door den heer l\\ ustkloo uitnemend is bewerkt \'). Uit zijne aanteekeningen is mij gebleken , dat men ook daar presentiegeld voor de leden van den raad had , en dat men zich evenals in de hoofdstad van loodjes bediende. Burgemeester en schepenen ontvingen slechts weinig minder, dan men in Middelburg aan dezelfde dignitarissen uitdeelde.

In het werk van den heer Kkstei.oo vind ik o. a. vermeld ): //dat de leden van het bestuur gewoonlijk presentiegeld geno-\'/ten voor het bijwonen der vergaderingen ; zij kregen daarvoor //in de 1 (i1\' en 17quot; eeuw loodjes, waarvan de waarde in 1581 // werd verhoogd. voor een burgemeester van (i op 8 en voor een //schepen van •\'} op l stuivers.

// Ur waren iedere week twee rechtdagen, Dinsdag en Zater-//dag, en wanneer de leden om negen uur niet present waren, «was er boete van negen grooten.

//Later werden de loodjes afgeschaft, doch in 10/U) weder in-//gevoerd, omdat sommige leden verklaard hadden, het niet meer // om niet te willen doen en wel voor de schepenen en raden //ter waarde van drie stuivers en voor den baljuw en burge-// meesters van een schelling.

/\' Deze laatsten verbeurden dan ook eene dubbele boete (acht //stuivers), als zij een half uur te laat op de vergadering kwa-//men. De leden van het bestuur zijn tot IM1 coinparitiegold \'/ uit stadskas blijven genieten.quot;

Hoe die presentie penningen er uitgezien hebben, is onbekend. Hebben zij het wapen der sinalstad gedragen, K r.s

1

Zie iieschiedeni.\' cn Plaatsbcschr jvin£ van Arncmuiden , door II. M. Kestij.oo . Middelburg, van Bknthkm Jt\'Iting 1876.

-ocr page 45-

Arnemuiden een zeker ])rivilege om des \\ rijdags hij de Mid-delhurgscbe bakkers een broodje te vragen en om op nieuwjaarsdag volop zegen te gaan wenscben . hetgeen dan niet een duit beloond werd. Eerst sedert het invoeren eener vaste nieuwjaarscol leete te Middelburg heelt dat rondloopen van Arne-muidenaars op nieuwjaarsdag opgehouden , althans voor een groot deel. Daar deze bedelaars aan hunne eigenaardige kleeding te kennen waren, hadden zij geen tfelcvs noodig.

Arnemuiden heeft een gasthuis gehad, dat echter in 1572 verbrand is en niet meer is opgericht. Dit moet een heerlijk gebouw geweest zijn, volgens berichten uit dien tijd. In den oudsten tijd had men daar lleilige-geest-armen, die evenwel weinig ol\' geen fondsen hadden. Van gasthuisloodies is mij niets bekend.

V L I S S I N G E N,

Van deze stad, die in de troebelen een zeer groote rol heeft gespeeld, zijn de stadsarchieven bij het bombardement in 1809 met bet stadshuis voor het grootste deel verbrand. Uit den gedrukten Inventaris \'), bevattende een gedeelte van het Archief dat later door schenkingen bijeen is verzameld, heb ik niets kunnen opsporen, dat met presentiegeld had uit te staan.

Ik moet het aan lateren tijd overlaten, om licht in deze zaak te brengen en bepaal mij dus om , zonder veel op te. hel-

1

\'i Inventaris van het Archief van de gemeente Vlissingen 1H79.

-ocr page 46-

11

deren , eenvoudig mede te deelen, welke loodjes ik nog tiet) kunnen terugvinden.

A. P r es en t i e pe n n i ng e n.

M [naiid van IIookknbeke beeldt tussclien de Vlissingsclie gildepenuingen twee loodjes af, die ik beide voor presentie-penningen moet tiouden. Deze stukjes zijn daarenboven door genoemden setirijver niet juist bestemd.

11 et eerste, bij mij op plaat lil n0. :i afgebeeld, wordt door hem wgildepenning van de licnrtsetiippersquot; genoemd, zonder de minste verklaring voor deze zonderlinge definitie te geven. De letters Y. L. (Vlissingen) door tiein ten onderste boven afgebeeld, zouden de aanvangletters zijn van de twee plaatsen, waar-tussclien de schepen voeren. Dat deze uitlegging van bet loodje gezocht en geheel bezijden de waarheid is, weet ieder, die eenigszins bekend is met de nog overgebleven gildepenuingen dezer stad.

ifet tweede stukje, dat op de keerzijde eene V heeft, zou volgens M, v. II. een arincnpenning zijn geweest, voor vleeseli bestemd.

Ik kan mij hiermede evenmin vereenigen, daar er dan ook wel dergelijke loodjes, met andere letters, als T voor turf, IJ voor brood zouden bewaard zijn gebleven, terwijl dit niet tiet geval is.

Liever zie ik die V voor het cijfer vijf aan.

Ik meen zo dus te mogen houden voor presentiepenningen , en dan zou het getal vijf hier op vijf stuivers doelen , wat zeer goed het presentiegeld kan uitgemaakt lubben, dat de heeren in de raadsvergadering kregen.

Dit laatste loodje is zonder twijfel liet oudste van de twee.

Heide dragen het wapen van Vüssiugeu, de welbekende (leseti, die men ook wel eens met de komst van den heiligen W ille-brordus in verband heeft gebracht, doeti die zeker , evenals zoovele wapens , eenvoudig zijn bestaan heeft te danken aan de gewone, maar denkelijk verkeerde verklaring van den naam dier stad.

-ocr page 47-

12

1 Voorzijde: De tlesch in een gladden rand, naast deze de letters V. L. (Vlissingen).

Keerzijde: Het cijfer V, zeer ruw bewerkt, eveneens door een gladden rand afgesloten.

Rond, lood. Mi.vard van IIooiienbkke , II , bladz. 250, n0. 469.

Plaat Lil nu. 1

Mijne verzameling.

2. \\ oorzijde: De llescli, fraai geteekend en door een prachtig bewerkten bloemenrand omgeven.

Keerzijde : üe letters V. L sierlijk gekruld en min of meer dooreen gevlochten . afgesloten door een gladden rand.

Kond , lood.

/.reuwscli Genootschap, aldaar in den Catalogus onder nquot;. 1055 als loodje voor de schepenen te Vlissingen vermeld. Mijne verzameling. Afgebeeld bij M i n.viu) van I Iüoki.n hkki: nquot;. M7, bladz, 239.

Plaat lil, iiquot;. 2.

15. Avondmaal- of kerkelijke armen lood jes

\\ rij algemeen ontmoet men in de catalogussen zekere penningen , die men gewoonlijk aangeeft als avoudinaalloodjes van de Luthersche gemeente te Vlissingen, Ik meen, dat men zich in deze omschrijving vergist.

Het kerkzegel van deze gemeente, waarvan ik een afdruk ontving, is van 178.\'), het stichtingsjaar dezer gemeente Het vertoont een vogel, staande op rotsachtigen bodem onder een wijngaard, waaraan vele groote trossen druiven hangen. In liet midden de Vlissiiigsche llesch op eene rots staande; drie hooiden blazen met kracht daartegen aan, bovenaan: ae naam quot; Jehova.

Het omsehnlt is (Jod Zebaoth bezoek deezen wijnslok dien uwe rechtehant geplant heeft. Psalm 9.quot;). Onderaan: Scegel der l\'ivang Luit. k in Vlissingen.

-ocr page 48-

43

Daart;iiteg(;ii ziet men op de bedoelde loodjes, die aan de Iiutlierschen worden toegesohrc^vcn, niets van dit alles, noeli trossen druiven, noch den vogel die zoo beschermend zijn vleugels over het stadswapen heenspreidt, maar in plaats daarvan, eene pelikaan, die één jong, en op andere exemplaren drie jongen schijnt te voeden, ten minste op een looden exemplaar in mijn bezit ziet men duidelijk droppels bloed , waarnaar de jonge pelikaantjes happen, liet is het welbekende beeld van moederliefde , uit de meening ontstaan , dat de roodbekkige pelikaan haar jongen met bloed zou voeden.

Dit zegelbeeld behoort aan de H aalsclu gemeente te Vlis-singen, die van zeer ouden datum is, en als het ware met de intrede der hervorming te Vlissingen gelijken tred heeft gehouden.

Daar mij door den 1 mtherschen predikant is verzekerd, dat niets van het gebruik van avondmaalteekens aldaar bekend is, hetgeen zeker wel het geval zou zijn geweest, met het oog op de betrekkelijk jonge stichting van deze gemeente, indien er loodjes waren uitgegeven, terwijl daarenboven de gemeente dateert uit een tijd toen de avondmaalloodjes langzamerband werden afgeschaft, houd ik ze voor loodjes van de // aalsahe gemeente. Ook ontbreekt het woord A Hf/ (sbargensis of Auyndanat-) op deze penningen. Drie verschillende stempels zijn er van bewaard gebleven, waarvan twee het opschrift SigeUum hebben, wat op een langdurig gebruik wijst.

Kindelijk worden er in een catalogus van het jaar IViS, van de verkooping van het kabinet van\' Dam . II (udsclie loodjes van VJissingen vermeld, terwijl in de \\\\ aalsche bibliotheek Ie Leiden, ook een dergelijk loodje wordt bewaard.

1 Voorzijde: Uc pelikaan met twee jongen, in een gladden rand. Omschrift ; • -U- ■ Sigel(him) . (sic) Mcclefsiae) . {}■ . Fless(ingensis).

Eenzijdig gestempeld, koper, achthoekig. In verschillende verzamelingen aanwezig. Plaat III nü. 3.

-ocr page 49-

■u

Hetzelfde type. maar de pelikaan heeft drie jongen, waarboven droppeltjes bloed zweven.

Omschrift: . ® . Sigel. Bccle. Floss.

Kcnzijdig ■ rond , lood.

Mijne verzameling. Plaat 111 nquot;. f.

■\'i. Hetzelfde type, doch met Migil {}. Eccle. {J- Fless. in een parelrandje. Dc pelikaan anders geteekend.

Koper, Vierkant met afgeknipte hoeken

In verschillende verzamelingen aanwezig. Plaat lil n0, .V

G O E S.

Van f ioes . waar zeker ook wel dezelfde gebruiken als elders zullen hebben plaats gehad . is mij van bepaalde armenloodjes tot nu toe niets in handen gekomen. Slechts twee exemplaren van gasthuisloodjes heb ik kunnen opsporen, waarvan liet eene in het koninklijk penningkabinet te quot;s-(iraveiihage bewaard wordt, terwijl het andere, dat tevens het oudste is. in mijn bezit is.

liet zullen wel uitgangspenningen geweest zijn.

1. Noorzijde: quot;(Joesquot; in groote grove letters. Daarboven de ffans, liet wapen der stad, met eenig ornament daarnaast, 011 deraan het jaartal 1653.

keerzijde; //Gasthuysquot; iu twee regels, daarboven een soort kruisje. Onderaan twee stippen.

Lood , rond.

Mijne verzameling. Plaat ill nquot; 0.

•Z. \\ls voren, met bet jaartal KitH en van lijnere teekening.

Koninklijk kabinet quot;s-(iraveiihage.

Plaat 111 nquot;. 7

Het gasthuis te Goes van is hetzelfde, dat nu nog in

gebruik is Het is voor eenige jaren veel verbeterd, Het

-ocr page 50-

Even weinig weet ik mede te doelen van het aloude Zierikzee; zijn loodjes, zoover ik heb kunnen nagaan, bestaan niet meer.

[Iet eenige stuk , dat in aanmerking kan komen en dat ik het liefst voor een presentiepenning zou houden , is het bekende geelkoperen stukje van liet jaar 15Sö , gt;) waarvan een vroeger exemplaar van liet jaar 15 19 in het koninklijk kabinet bewaard wordt. Dit laatste is in lood.

De verklaring van sommige penningkundigen . als zou het penninkje van 1585 eene noodmunt zijn geweest, vervalt, nu er een vroeger exemplaar van liet jaar 1549 is teruggevonden.

Ook kan ik mij niet vercenigen met de meening, dat het armenpenningen zijn. omdat aan de eene zijde het stedelijk wapen . en aan de andere de naam dor stad voorkomt Dit alles wijst, dunkt mij. meer op penningen, bestemd voor leden van den stedelijken raad. dan op gewone armenpenningen. Immers men zou, in navolging van andere steden, dan wel daarop te kennen hebben gegeven, of ze voor brood, turf, of iets dergelijks waren bestemd.

Dat men niet altijd een sc/ii\'llinc/ als presentiegeld uitbetaalde voor de lleeren van Weth en Raad, maar dat men zieii ook met een hal ven schelling = drie stuivers, vergenoegde, he-w ijst immers Arneinuiden, waar men in 1630 aan Raden en Schepenen niet meer dan drie stuivers schonk.

1 Voorzijde : De letters S. 1\'. Q. tusschen twee lijnen, daarboven 3 door drie kruisjes gescheiden. Onderaan

het jaartal 15\'li9.

Keerzijde: liet versierde wapenschild der stad. de geheele ruimte innemende.

\') Dirks. Kep. no. 643.

*

-ocr page 51-

Lood. rond.

Koninklijk kabinet Plaat 111 nquot;. 8.

2. Als voren, inaar de letters door punten in plaats van kruisjes gescheiden. Onderaan het jaartal 158.quot;).

Geelkoper , rond.

Afgebeeld bij liizor. Plaat X \\.

Verschillende verzamelingen. I\'laat IJl no. 9.

3. Als voren , maar van lood.

Mijne verzameling.

BA K ENG ELD.

Nog drie loodjes zijn te mijner kennis gekomen, welke ik svenseh te beschrijven. Zij zijn van lood en alle uit denzelfden tijd, toen Zeeland zich aansloot aan de i\'ransche beweging in ons land. Men bewaarde die stukjes door den bakenaar uitgereikt. als het ware om te kunnen bewijzen, dat men het verschuldigde Umnmi- of pasmijquot;^M voor zijn schip bad betaald , zooals de verordeningen voorschreven

I Op de voorzijde staat zeer duidelijk: quot; De tonne van de Kloot,quot; terwijl de keerzijde liet jaartal 179\'5 draagt, waarboven in een compartimentje -!■ gl. is gestempeld De Oaloot. in de wandeling doorgaans de Kloot genaamd , is een met tonnen of bakens voorziene zandbank , of plaat op de Westerschelde . die elk naar Antwerpen varend sebip passeeren moest. De be-teekenis van het loodje is dus. dat het als bewijs diende, dat men de verplichte vier gulden had betaald.

Kvenals de zeeman gewoon is van een schip. dat in den omtrek van Schouwen of Vee re vergaat . te zegen , dat hel gtstrand igt; op den Danjert . olschoon doze zeeplaat niet zoo heel groot is . zoo is ook de Galoot een algemeene benaming voor alle ondiepten op de Westerschelde.

Rond. lood. I\'laat IV nquot;. I Mijne verzimieling

-ocr page 52-

•17

2 Hiervan bestaan twee verschillende exemplaren, beide in mijn bezit. Het eerste, dat tevens het oudste is, is indertijd nabij Antwerpen in de Schelde gevonden.

Voorzijde; quot;Het Sloe,quot; daaronder onduidelijk, maar waarschijnlijk etc. etc.

Keerzijde : Op liet eene exemplaar 1796 en op het andere 1811.

Beide hebben een stempeltje, waarin men de cijfers 1;2 en 30 leest.

Rond, lood, onbeschreven. Plaat IV n1. \'2 cn 3.

liet Sloe is liet oude vaarwater, tusschen Walcheren cn //uid-Bcveland , dat ondanks de ondiepten nog al door schepen gepasseerd werd en in oorlogstijd veelal bezet was. Het is thans door den spoordam in het midden doorgedeeld en is bezig tc verzanden. De cijfers 12 cn 30 zijn misschien liet geld geweest, dat men te betalen had. llc.t kan evenwel ook een mmimer-teeken geweest zijn , wat echter het minst waarschijnlijk is.

1

Van Sas van Gent zijn loodjes van verschillende jaren overgebleven. Het oudste dateert van 1790, terwijl het jongste het jaartal 1829 draagt.

Reeds in 1719 verzocht de regeering van Sas van (jent aan zijne Hoogheid om een passagegeld op passagiers tc mogen heden en wel van 1 stuivers op passagiers naar Holland en 2 stuivers voor die naar Zeeland gingen.

In Mei 17.\')(l gaven Gedeputeerde Staten te kennen, dat Holland in voors. passagiersgeld geeonsenteerd had, echter onder die conditie, dat hetzelve niet hooger zoude mogen gesteld worden voor schepen, die op Holland varen, dan du naar Zeeland gingen.

Men ziet dus, dat de tol van Sas van Gent reeds van ouden datum dateert. In de Cronij/c ran Zeeland van Smam.koanoe kan men een geheel hoofdstuk vinden , handelende over de verordeningen van het quot; liakcnaers ampt.

liet spreekt van zeil , dal onder de latere rcgccriMLTcu (al van wijzigingen daarin zijn gekomen

-ocr page 53-

48

Tot in liet jaar 1835 heeft men loodjes gebruikt; ua clieu tijd zijn kaarten als een soort quitantie ingevoerd.

Het oudste, dat ik heb kunnen opsporen , met het jaartal 1790, is jammer genoeg tamelijk afgesleten.

1. Op de voorzijde leest men in grootc letters SAS, daaronder het jaartal 1790, geheel onderaan het cijfer 12 (stuivers).

Keerzijde: Een wapenschild, van boven gescheiden, rechts links een leeuw, daarboven een kroon.

Het wapen is te veel afgesleten, om het in zijn geheel te beschrijven

Rond, Lood. Mijne verzameling Plaat IV no. 4.

2. Als voren maar met het jaartal 1794

Lood. Mijne verzameling,

•\'}. SAS, daaronder 1819, geheel onderaan fi (in een rond eompartimeutje) Si.

Eenzijdig. Lood.

Ver/anieling wijlen den heer dk, Schodt te Brussel

I\', SAS, daaronder 1S29. geheel onderaan 18 S(. inge-stempeld

Lenzijdig. Lood.

Verzameling de Schodt. Plaat IV no. \'■gt;

WAAGLOODJE VAN MIDDELBURG.

Voorzijde eene weegschaal, daarboven het jaartal 1684, tnsschen de schalen een burcht , door een wal of omsehansing omgeven en zeer diep iiigestcmpeld. Dit alles afgesloten door een parelrand.

Eenzijdig , rond . lood en onbeschreven.

Mijne verzamelini;. Plaat IV no. fï

-ocr page 54-

40

LOODJE MET HET WAPEN VAN WAUJIIUHKN.

Voor/ijde : Een walvisch , liet wapen van het eilantl W alchcrcti.

Eenzijdig , rond . lood . onbeschreven.

Mijne verzameling. Plaat IV n®. 7.

Ik heb dit stukje, waarvan mij geen tweede exemplaar bekend is, eerst voor presentiegeld van de Staten van Walcheren gehouden. Maar een onderzoek bij de directie van het polderbestuur. naar liet al of niet in gebruik geweest zijn van presen-tiepenningen bij de Staten van Walcheren . leidde tot een negatief resultaat.

Evenwel werd mij door den Grillier van genoemd bestuur eene mededeeling gedaan omtrent eene instructie van de Oom-miezen voor de wateringen in het jaar 17 7(i,

Daarvan luidt o. a. artikel 19: « De coimniezen zullen ge-quot; houden zijn de aannemers van eenig karwerk. alsmede de ordi-w na ire karders (Mi voerlieden, ieder in zijne watering . behoorlijk «te doen dagvaarden door een ondereomniies of bandsknee.ht . //of bij derselver absentie door een der gezwore telders, zoo //quot;t mogelijk is bij overnachtsche wete vóór zonnenondergang , //met een loodje of eenig ander merkteehm, zooals door » 1 feereu Staten of Hreedegeërl\'den nader zal worden goed-quot; gevonden .quot;

Overeenkomstig deze mededeeling, kan ons loodje gediend hebben om te bewijzen, dat de commiezen het recht hadden tot het oproepen van het benoodigde werkvolk. Maar meer waarschijnlijk is het . dat het gediend heeft om te zorgen dat slechts die arbeiders zouden worden toegelaten, die door de commiezen van een loodje waren voorzien.

Met dit laatste zeer zeldzame loodje wenseh ik mijne bijdrage te eindigen

Ofschoon ik ten volle overtuigd ben. dat deze slechts onvolledig igt; . en dal er bij de beschreven en afgebeelde loodjes nocr heel wat verschillende tvpen zouden moeten gevoegd worden,

4

-ocr page 55-

30

rei\' zij (■(■]]( c.omplete lijst zouden iiitinakcn , zoo geloof ik niet, dut er op liet oogonblik nog meerdere zijn te vinden.

Moelilen er zich dus in de cene ol\' andere mij onbekende verzameling, stukjes bevinden, die niet in mijne bijdrage vermeld zijn. dim houd ik mij zeer aimbevolen, er cene opgave oi teekening van te mogen ontvangen.

Ik had nog een onderzoek kunnen instellen naar de nog in gebruik zijnde belastingloodjes, maar laat deze liever onaangeroerd.

Middelburg. Februari 1892.

-ocr page 56-

51

U i T T R E K S E 1,

uit hft

S E C R K E T R E G [ S T R R T K N R A E 1) E

BEGONNENDE ANNO 1590. No. I.

Den 12 Octob. 1672.

VVctli en Kaet.

Op het geproponeerde is naer deliberatie omme redenen de bevorderinge en treijn soo van de Justicie als policic concernerende goet gevonden en verstaen, dat voor het toecomende wederom het Loodt sal werden uijtgedctelt, en aen de respective Leden daer van betalinge gedaen, soo wanneer de jegenwoor-digen oorloge met beijde de kroonen van Vranckrijdk en Knire-lant sid wesen geeijndicht ofte dat anders des stads finantiën in beteren staet sullen sijn gebracht ende eerder niet.

Dat mede de heeren schepenen dage.lijckx op alle de ordinaris rechtdagen, mitsgaders de selve heeren schepenen en heeren raden op alle ordinaris politiedagen. gehouden sullen sijn des somers smorgens te negen uijren en des swinters te half thien uijren oj) den stadthuijse in de vierschaere te wesen, ofte op andere extra ordinaire dagen op soodanige uijren liij dcu heer burgermr te preligeren. waer toe de Leden alsdan bevooren Ijo-hoorlijek sullen wesen gedachvaert op ])oene dat die des somers naer de voors; kloeke negen uijren. en des swinters naer de voors: kloeke half thien uijren, ofte naer die gepreligeerde extra ordinaris uijren, immers naer het gedaenc gebeth , eerst boven quamen telekens verbeuren sullen en bij den heer burgernir daer vooren haer een loodt werden afgehouden . als mede van den genen die buijten kennisse en toestaen van den heer presiderende burgermr afgaen sal. voor en aleer dat door den heer burgernr. het collegie soo van Weth als van W\'eth en raet sal

-ocr page 57-

b-z

ursi\'ii «jcliwnlifrrl t\'ii geschfijdcu dat de geneu die tcene-raael buijteu kmuus.se ca toestaeu van dun heer burgem1\' ofte wettige oor-sako van sicckte ofte uijtlandichcijt sal absent blijken vei\'benren sa) twee loodt, twelck bein ter noes tor dacli van comparitie mede sal werden afgehouden.

hmle alsoo bij desi; swaere constitutie van tijden dagelijekx vele saecken van seer hoogwichtige cousideratien voorcomen, vvaer op met een paricli udvijs, diende te werden gedclibereert, (en weieken eijnde bij dbeer presideer\'\' regerende burgerm1\' die-niaels bet collegie van \\\\ etb en raet, soc op de ordinaris als extra ordinaris policie dagen noodtsaeekelije,k dient geconvoceert en op den eede en hoogste boete daer toe staende versoebt boven te coinen en dat bij verloop van tijde de executie van die boete tot noch toe was gebleven buijteu executie waer door ondervonden u ert vele abuijscn voorgecomen te sijn en te duchten dat nocii meerdere stonden voor te eomeu, soo is mede naer deliberatie goet gevonden en versta»in dat in het toecomende, soo wanneer bet collegie van Weth en raet op den eede en hoogste boete sal wesen gedachvaert ende eenieb Lidt ofte Leden der vergaderinge buijteu voorigc wettige oorsake absent blijven dal soodanich ahxmh\'ii leer ofte hwn foor d- hoogst/\', boete wrlmiren nullfu, en sonder cont/irentte ofte /lensien afgevordert de nnmme run een pond i\'l.t, ofte dat deselvc soo lange geen loodt sullen ontvangen voor en aleer de voors boete betaelt sal wesen. ofte door sijn verdiende en ingehouden loodt ge-coinpenseerl . blijvende niettemin ten regnarde van do jaarlijekx groote nominatie der magistrature de voors. hoogste boete, volgens liet bekende privilegie onverlet en in sijn volle vigeur.

-ocr page 58-

5 a

EXPLICATION DES PLANCHES.

P L A N C IT K 1 N08. 1-9 \')

MIDDELBOURG.

\\0, 1. 1540. Probabti-iTiciit jcton de prósenco lt;lu (Jon^cil municipal (Wctli ct Raad) , portant Ie blason de la villc.

Uniface . rond, ])lomb. Inrdit, fort rare.

Ce jcton, ainsi que les suivants, a «\'it\' truiivr l\'année dcrnwirc, dans un meuble do I\'lifite! de villc. l/origine de ces jiièces date probahlerneiit de r(:vènc-ment suivant: — En 1073, lors d\'mi temps de iruerre et de ci\'ise tlnancière, le. eonscil iminicipal de Middel-bouru\' (Wetli et Raad) ordonna de eoutinuer Fusa^e des jetons de presence., inais de ne pas les (■chanirer OOmme d\'ordinaire au bout d un temps determine, niais (Pen (Ullerer 1quot;(\'change jusqu\' a ce que la mierre fnt passcc\'. on que IVtat des finances fut arii(;lior(:.

Deux années |)lus tard, en 1074, les membres du dit conscii out cu la gencrosite dc remetlre irrnl ui temcnt tons ees jetons a la villc II parait qu\'en ituMnoire tie- ce fait louable, tons ees plombs out rU\' conserves, et n\'ont rtr fondus . eommc on avaif riiabitnde dc faire

[Is (\'tnieiif an nombre dc aS\'Mi.

Aprcs cette rcstitutimi. on a cessc b Miildclbourg dc payer en jetons dc presence.

A l\'cxceptioii d»; pi. Ill n0quot;. 7 ct 8. ct pi. IV nquot;. 5, tons les méreaux . figures sur les planches, se Uouvent dans ma collection.

-ocr page 59-

54

Sans flute, maïs [leut-êtrc du couiinencciucnt du sci-zième siècle.

Jet,on de presence, de quatre sous.

Floinb, inédit.

■ )•• exemplaires de ce jet,on, inconau jusqu\' ici, ont rte retrouvés a Fhotel de ville.

S. d. .leton de presence de six sous on d\'nn esculin. I)at:iiit prol);il)lement de et non pas de

com ine le croyaient van Loon, Mailukt et d\'autres numismatistes.

M en existe a présent 11)00 de ces pieces a Fhotel de ville, qui toutes sans exception sont a lleur de coin, ce qui se coniprend facilement en oonsidérant (jn\' elles sont oriu\'inaires de 1lt;]72, ayant servi alors de jcton de presence temporaire , tand is que déja en 167 t, elles ont i\'té mises hors d usage.

Flmnb, v. Loon, lledendaagsche l\'enningk. ]gt;. 181.

S.d. ,leton de presence , probableineut du mêmeOon seil. aux anncs de la Zélande, d un sou,

Floml), inédit

Ginq exemplaires se trouvaient dans le trésor men-tionni\' ci-dessus.

S.d. Jeton de presence, de six sous.

Flomb, inédit.

il tó ex de ce jeton sont retrouvés S. (i. Jeton de presence de six sous.

Fe blason , amsl (jue h\'s e,liilFres, d uiic aoti\'e irravure, Flomb.

Déeril et Hguré par Min.viu» van Mooiiknbkkk p. 220 no. 10!).

II en existe a présent 725 ex, de ce rbotel de ville.

gt;S, d \\lrme piece . autre variété de ifrnvurc

N0. 2

N0 -\'5

l.

5

N0. 0.

7

-ocr page 60-

55

Xquot;. 8, iS. (1. Jeiou do prrsmcc rle donze sous, l\'riipix^ ainsi (|uc lc jctou suivant, pour payer les Hourgmcsl res, (|iii recevaient lc double (l(;s autres mombres dn Gonsinl.

I\'lomb. ligiun\' cliez Minaiid v. 11. p. 20:5 no. 355 mais attribué (\'autiveinent par celui-ei u Malines.

II fant que ce jeton au type du double aigle soit frappé après 1500, puisqu\'avant ce temps, ni eclui-ei ni la couronne itn])ériale. ne liguraicut dans les urines de la ville.

he simple aigle, que fait voir le jeton suivant, date probablement du temps du roi romain, Gutl-i.aume 11 , (iomte de ITollande. Pendant son regno, eo prince oncombla de bienfaits les difforentes institutions do Middolbourg II a óté enterró en 1 28:i duns TAbbaye de la ville.

Nquot;. 9. 104-8. Jeton do presence, au type du simple aigle. Ce beau jeton, d\'après ce que j\'ai tronvé dans un eompte de la ville, est l oeuvro du graveur /élandais .1 fjOOJ F , attaché il ratolier monétaire de Miildelbourg.

Etain.

2(1 exemplaires de ce. jeton se trouvaiont parmi les plombs restitués.

p l a n oh e ii. 1 — 8

M 1 DDEIjBOUIUÏ.

Méreaux de bienfaisance

Nquot;. 1, S. d. Mérean pour tourbe, en ploinl)

Inédit et fort rare. puisqu\'il n\'en existe quo deux exenqjlairos,

Je suppose qn\'il ait été l\'rap]ié ontro KWJd et ICdd, (\' u. tl. ent re la date ou les ploiubs-iourbe sent men-tionnés pour la première fois dans les archives . et outre cello de lu fra))pe des ini:reau\\ ([ui suc.ciklaient: a een\\ la (1(100)

-ocr page 61-

5(5

Sur Ie revers on u cstatiipillr le numéro de la see tion de la ville.

lie second exeinplaire porte la section l.

N0. -Z. 1660. Méreau pour tourbe, en cuivre. Figure eliez mtnaud van Hookkvbkki;, nos, l\'Oti et k)7.

11 en existe plusieurs varitVs de ee méreau. La plupart .sont munis d\'une eatampille en forme d une l\'euille, probiiblement pour éviter une fraude quelconque.

D autres exemplaires portent le chilfre 2, gravé ii cöté du bourg, ayant droit i\\ une distribution double. Encore d\'autres ont les ebiffres, XVTI, XL. (J, au-dessous du mot (or/\', ancienne forme du mot tur/ . ee (jui désignait le notnbre des tourbes, iiu\'on pouvait distribuer au pauvre, porteur de ce méreau.

N0 -\'L I7-57 Même mi;reau tnais plus beau et ])bis grand (pie la pièce précédente. Le mot torf est remplacé par turf.

Cuivre rouge. Figure cliez Min\'aiid. no. M)S.

II en existe lt;li^ ce méreau des variétés avec la feuille, estam])ill(:e au pied du bourg. et d\'autres avec le eliifl\'re 2, |)lacé a. coté de, celui-ci.

\\\'n. L iS. d. Méreau pour pain, en fer

Uniface et inédit.

Deux estampilles couformes. formant le hlason de la ville. surmonte de la couronne impériale: a cute lea lettres lgt; P. (.Z?rood/;eiming), mi-reau pour pain.

Unique.

Nquot;. 5. S. d. Méreau pour pain, en plomb.

A cóté et au-dessous du bourg, les lettres K L V (liroodlood voor of van Middelburg).

Plomb pour pain, destine pour les pauvres de Middelbourg. Assez rare.

Xquot; Même pièce, mais dans les estampilles. les lettres M 15 (Middelburg liroodlood).

Plomb pour pain . de la ville de Middelbourg.

-ocr page 62-

57

\\ quot;. 7, Monic piil\'cc, nuiis avi\'c (len.\\ cstaiiipillus dans lesqiicllcs les lettres A. K. {«riüeu/terk). Kjrlisc des pmivrus.

Les méreaux pour ])aiii sout beaucoup plus ranss que ceux pour tourbe.

N0. 8, 1680. Grand méreau en cuivre rouge, des regents de riiospice pour vieillards.

Fort rare. Figure chez inr. .1 Dirks , pl. LXYl no. 29.

Probablement cc inéreau a éti- donné aux pauvres, lors de leur ctitn\'e dans 1quot;hospice pour servir de marque de controle.

Les pauvres, dcmcurant dans eet hospiee, jouirent de plusieurs privileges dans la ville.

P L A N C II E III Nu. 1—9,

F LESS I NGÜE, /lERIKZFE et GOES.

S. d. Jeton de prósence de B^essingue, ])our le, con-seil municipal. Plomb.

Le blason de la ville entre les initiales V, L. (Vlis-singen Flessiugue),

Sur le revers on remarque lc chilTre V (cinq sous). I\'iguré chez Minauü, p, 2ö() no. 4(19 , et qualilie méreau pour les pauvres,

Lc ehill\'re V, scrait selon Minakd. rinitiale V\', pour vb\'eseli (vianile).

I\'uisqu\'on uquot;a jjas retrouvé jusqu\'ici des méreaux pour aC((U(Tir du paii!, de la tourbe, etc. jquot;y verrais plutot un jeton de presence municipal S, d. Jeton de presence municipal Plomb,

Dcsignc f\'autiveinc.nt par Minaruvan IIooukmbkki: . ]gt; 2.19 no, I I7 . eornme inercau des Batelier» ii temp» regie.

N0. I.

N0 2

-ocr page 63-

58

Ijcs archives de la villc n\'cxistent plus, ayanl rti\'-brulócs avec VUfttel de ville au commencement de cc siècle.

N0. 3 S. d. i\\I èreau d\'admission [lour la Sainte Gene,, chez les Protestants \\\\ allons ü Flessingue, et non pas un méreau des Protestants Luthériens, comme ils sont or-dinairement divsigiu\'s dans les catalogues.

Dans un cercle perle, on voit un pelican, nourris-sant ses pet its, cinblèine adopt i: par la coimnunité W\'alloune de cette ville.

liégende: Sigel (lum) Eccle (siac) l,,less(ingcnsis) Uniface , cuivrc, oetogone.

N0. 4. Variéti\' du numero précédent.

Uniface, plomb, rond, lort rare.

Nquot;. 5 \\iitrc vari(\'té en cuivrc. et oetogone.

La légende est oliangcc cn : Sigil (lum) l\'lccle (sine) Fless(ingensis).

\\Tquot;. I! Hirgt;;3. Méreau de I\'liospice de St. Agnes a Goes, oajiitalc de Tile de /,uid-Pcveland Plomb, rond, inédit, fort rare.

7, 1 «9.r» Même méreau , maïs (Pune gravure plus correcte. Trés rare.

II appartient au cabinet royal de la Have Oes deux plombs servaient de marque de, controle pour le portier, afin qn\'il sAt, quels malades curcnt la permission de sortir.

N0. 8. I \'lt; 19 Jeton de presence du conseil municipal de la ville de /ierikzee,

l\'ort rare. portant cette date.

Appartient au cabinet royal de la Have Plomb, inédit.

lóS.) .Mèinc jeton mais en cuivrc jauue.

l\'iguré par Pi zot , p, \\\\

i\'lusieurs numismatistes ont décrit cc |eton corrune monnaie obsidiouale.

( est a tort, puisque Zicrikzce n\'a pas été assiégi\'

-ocr page 64-

59

en 1585 et il ailleurs on :i trouvi! nn jeton seinhlablr de 1549.

II parait ((ifon a iei faire avec des jc.toas de prrscnce inunicipaux . puisque dc.s deux eotés on a fait allusion a la municipality.

Pi, ANC HE tv. N0. 1-9 \\quot; 1. Mrreau dquot;imp6t de (|uatn! liorins. (jiii servait dc. quittance, pour les vaisseaux, (|ui passaieut 1\'l\'jscaut I\'lomb,

incdit, I\'ort rare

Le CalooL est un banc de sable, situ(; an sud-ouest de Hie de Zuid-Beveland, muni de balisses et de •\'(. tonneaux (tonnen).

X03. 2 et3. 1796 -ISll. Deux ini\'reanx d irnpot pour les vaisseaux qui passaient « le Sloe.quot; qui est situe entre les iles de VValeberen et de Zuid-Ueveland

Le canal du Sloe est desseclie :i present, et fonnait jadis une jonction entre 1quot; Escaut oriental et occidental.

Plomb. inedit, fort rare Nquot; I. 1797 Mereau d\'impot de Sas van (rent, petite ville,

située sur l\'Escaut occidental.

Plomb, iai\'dit, fort rare.

IJejii en 1749, cliaque navire. qui passait . avail a payer quelques sous, comme. droit de passage Le revers porte le chiffre 12, probabiement le nombre des sous, qu\'on avait a. payer en cette année.

Létat fruste du plomb ne permet pas de determiner récusson Nn. 5. 1829. Même mereau. uniface. I\'lomb.

Dans une estampille. le chill\'re IS (sous)

Actuellement on a oess(; depuis plusieurs annees . de donner ces plombs aux navires passants \\ (i KIS 1 \\l(:reau de la balance publique a Middelbourg.

Le bourg se trouve dans une estampille tres profonde I\'lomb. uniface. inlt;:dil et fort rare

-ocr page 65-

60

N\'0. 7 S. d. Plomb aux armes de llle de Walcheren, imp baleine.

L\'lomb. unit\'ace, inédit, fort rare.

En 177() \'/le Polderbestuurquot; de cette ile ordonna n ses employés , de se servir de plombs ou d autres mar-

J([ues legitimes pour distribuer aux ouvriers. I\'eut-etre ce plomb, qui est unique , date-t-il de ce temps-Kt.

Nn. s. l\'jtnpreinte d\'une matrice de sceau en Ier, au moven de laquelle on pratiqua les méreaux de communion. chez les })rotestants hithériens a Middelbourg.

\\quot; i), 1619. Contrei\'aeon d\'une dute frisonne, par un prince ét ranger, Inédit. cuivre rouge.

Dans la lettre (5. de Krigia, on remarque assez dis-tinctement la forme de I\'S. de. Frisia. li se pourrait qu\'on edt a faire ici avec un des seigneurs de Grons-vi\'ld . eontrefaeteurs renomnu\'s de leur temps.

Mnviron iJ^OO ex. de ces dutes, qui sont toutes tres b\'gères et de fort mauvais aloi. ont été trouvées, mèlécs parmi les jetons de ])r(;sence, dans le trésor. rnentionné ci-dessus.

Elles sont a, lleur de coin, et portent la date de 1619. lia légende en est: quot;Deus spes meaquot; qui ne figure sur aucune rnonnaie des provinces unies de ce temps-ia.

Blies ont été frappées de la sorte, qnquot; une partie de la légende passé toujours hors du llan.

I/explication, que j\'ai donnée dn mot Kiucm. pa,«re 13. n est {)agt; exacte On doit lire: Fkkimnasoi-s Kom am liiqierii domes In Heckheini

-ocr page 66-
-ocr page 67-
-ocr page 68-

PL II

-ocr page 69-

.. , ...

,

-ocr page 70-

PL.ui

-ocr page 71-
-ocr page 72-

P L, IV

-ocr page 73-

I

-ocr page 74-