-ocr page 1-
-ocr page 2-

O. oct.

4288

GESCHENK VAN MEVR. DE WED.

DR. O. P VAN T I E N H O V E N= NINCK BLOK.

-ocr page 3-
-ocr page 4-
-ocr page 5-

——————————

öl^iU

HET HERSTELLINGSOORD

T AR ASP-SCHULS

(ENGADIN, ZWITSERLAND.)

ZIJNE GENEESMIDDELEN EN AANWIJZINGEN.

GESCHtTSI DOOI!

Med. Dr. J. PERNISCH,

Baddoctor te Tarasp-Schuls.

-ocr page 6-
-ocr page 7-

I.

BESCHRIJVING

VAN

HET HERSTELLINGSOORD TARASP-SCHULS.

Daar waar in het hart van de rhatische bergketen, dicht bij de uitgebreide Gletschers van de indrukwekkende Berninagroep, de idyllische wieg staat van den jongen en helderen Innstroom, een stroom die verder bij Passan de groote massa water van de blauwe Donau verdubbelt — begint het schoone, hooge Alpendal, genaamd Engadin, en strekt zich in eenen ongeveer 19 uur langen boog door den zuidoostelijken hoek van Zwitserland uit, die aan zijne beide zijden in het noorden van de rijk aan weiland netvormig verdeelde Alpendalen van het overige Grauwbunderland, in het zuiden van de welige en met wijnranken voorziene landschappen van het naburige Italië, door geweldige en glet-scherachtige bergketenen wordt gescheiden. Nadat de jonge, staalblauw gekleurde Inn, langzaam vallend, het liefelijke meerbekken van Boven-Engadin heeft door-sproeid en in vrijen loop hare vochtige groene weilanden, gelijk een zilverdraad, heeft doorsneden, vormt zij bij hare intrede in Beneden-Engadin eene bedding tus-schen nauwe kloven. Rots aan rots geketend, begelei-

-ocr page 8-

4

den haar aan beide oevers reusachtige bergen, die nu eens dicht bij elkaar, dan weer Verder verwijderd, een harmonisch geheel vormen van enge en breede dalen. Woelend en bruisend draait de vloed nu eens zijne schuimende golven bij Ardetz in snelle strooming door de diepe rotsspleet-en, dan weder neemt hij een kalmer tempo aan, alsof hij van den blik van de schoone streek, die hij in zijn loop heeft bereikt, zoolang mogelijk wil genieten. Verder en verder scheiden zich de wilde bergklompen van haar en beschermend en voor haar zorgend, omarmen zij met reusenarmen de mooie en heldere dalketel van het herstellingsoord Tarasp-Schuls, die het meeste landschappelijk schoon van Beneden Engadin met een heerlijk Alpenklimaat en met een in zoo kleinen omtrek zelden voorkomenden rijkdom aan belangrijke geneeskracht brengende bronnen in zich ver-eenigt.

Het herstellingsoord Tarasp-Schuls vormt een lang-zamen overgang van het terrasvormig, van het Z. W. naar het N.O. langzaam dalende, Beneden-Engadin en ligt 7°ö\'y oostelijk van Parijs en op ongeveer 6(5047\' noorder breedte.

De dit gebied, in slingerende windingen doorstroo-mendc Inn, verdeelt liet in twee ongeveer gelijkt; helften, waarvan de linker of noorder helft een eenigszins oneffen plateau vormt, het rechter of zuidelijke deel zich tot twee ongelijke, .stijl vooruitkomende terrassen opwerpt. Van de noordelijke, langzaam glooiende berghelling heeft men op eene geschikte en voldoende hoogte een betooverend prachtigen rondblik over de geheele schoone oppervlakte van liet herstellingsoord, op do verse!lillende schoone en op allerlei wijze gegroepeerde gemeenten en op de talrijke in een reusachtigen lial-ven cirkel te voorschijn tredende bergtoppen. Koen en

-ocr page 9-
-ocr page 10-
-ocr page 11-

geweldig doemt juist voor ons in het zuiden eene groot-sche, lijvige, maar symmetrisch gevormde rotsketen op, die door onregelmatig gespletene, scherp getande en phantastisch gevormde kalkmassa\'s is gevormd en in steile rechte wanden naar het dal afvalt.. Grijsrood schijnen deze naakte en kale toppen, wier steilte geene sneeuw duit; slechts hier en daar in diepe spleten en schaduwrijke scheuren, verraden smalle stroken sneeuw en kleine naar beneden hangende gletschers de aanzienlijke hoogte van deze bergen, waarvan de meesten 9 — 10000 voet bereiken en zich boven het dal gemiddeld nog meer dan 6000 voet verheffen. De prachtige en zoo buitengewoon rijk aan vormen zijnde dolomiet-wanden , strekken zich naar boven uit van de de Mal-zerheide begrenzende Piz Lat tot de Piz Ivraina, waaraan zich in zuid-westelijke richting de majestueuse, maar wegens hare meer zachte omtrekken sterk met de trotsche kalklagen in tegenstelling zijnde, pyramiden van de granietwereld aansluiten. Bizonder scherp getee-kend komt uit het midden van deze keten een indrukwekkend driegesternte te voorschijn van hooge bergtoppen , in verhevene grootte het geheele, schoone landschapschilderij en voornamelijk het aan hare voeten zich schilderachtig uitbreidende herstellingsoord beheer-schend. Tegen het oosten verheft de groote Piz Lischanna (3103 meter) trots zijne steile, sierlijk tegen het noorden gewende kruin, aan beide kanten door breede op schouders gelijkende rotsstrooken gesteund. In de zadel-vormige insnijding tusschen hem eu den meer slanken pyramidvormigen buurman, Piz St. John (3041 meter) schittert in verblindend wit gewaad een boogvormig stuk van den Lischanna gletscher, welke in tegenovergestelde richting van het dal, zich zeer ver uitstrekt langs de achterste zuidelijke zijde van deze bergen. De

-ocr page 12-

Piz St. John wordt westelijk begrensd door een donkere, smalle, diepe rotskloof — de nauwe, spleetvormige opening van het uitgebreide aan alpen rijke Scarldal, waaruit de woeste Clemgiabeek te voorschijn stort. De andere hoekpilaar van de zoogenaamde „Clemgiakloofquot;, wordt gevormd door de zeldzaam grootsche bergmassa van den Piz-Pisag (3178 M.). Naar de zijde van het Scarldal en Hauptdal lieen, vertoont hij reusachtige, naakte en steile rotswanden, aan wier voet uitgestrekte puin-hoopen als toeken dienen van het onophoudelijke ver-woestingswerk. Zijn spits vertoont zich ons als een slanke, met eeuwige sneeuw bedekte pyramide; van uit het hoogste gedeelte van het kleine, westelijk gelegen dal Val Zuort ziet men het schitterende ijsveld van een smalle, ver naar beneden hangende, gletscher.

Vóór dezen indrukwekkenden achtergrond leiden twee door de Clemgiabeek gescheiden terrassen van de drie laatstgenoemde bergen naar het dal. Zij zijn gedeeltelijk met weiden en akkers, gedeeltelijk met dichtebosschen bedekt. Op oen ervan breidt zich tegenover ons het schoone plateau van Tarasp uit. Van verre reeds zien wij op een eenzame steile rots, de witte muren van de oude reeds gedeeltelijk vervallen burcht „Taraspquot;, met hare torens en tinnen; aan hare voeten schittert do donkerblauwe waterspiegel van een klein meer. Up een kleinen afstand hiervan staat de kerk en daarnaast het Capucijner klooster van Fontana; daar achter ziet men de grijsachtige houten daken van een grootere groep huizen. Achter deze breidt zicli in zuid-westelijke richting, het nauwe, door hooge, steile rotswanden begrensde „Plafnadalquot; uit, vanwaar een beek van denzelt-den naam schuimend te voorschijn sturt. Een menigte dorpjes en boerenplaatsen liggen in schilderachtige groepen over het geheole vruchtbare plateau verspreid. Hier-

-ocr page 13-

tusschen vertoonen zich afwisselend lage, met frisch groene struiken begroeide heuvelen, golvende korenvelden , bonte weiden en kleinere of grootere eenzame bosschages. Op het laagste gedeelte van dit plateau breidt zich een prachtige vlakke weide uit, met huizen bebouwd en aan nagenoeg alle zijden door bosschen omzoomd. Dit is het, grootendeels uit hotels en pensions bestaande, dorpje Vulpera.

Aan den voet van de steile, met bosschen bedekte helling, bij welke de grasvlakte van Vulpera plotseling eindigt, glinstert midden in het dal de heldere en aan water zoo rijke Inn.

Op den rechter oever heeft men door het doen springen van rotsen en kostbare wallen eene ruime plaats verkregen, op welke de in hot midden met eene koepel versierde „Trinkhallequot;, zich trotsch verheft. Op don linker oever zien wij, iets verder van den stroom verwijderd, het dak van het uitgebreide en grootsche „Kur-haus Taraspquot; en niet ver van daar, maar iets hooger, op de noordelijke helling, vertoont zich de massive toren van de Engelsche kerk met haar spits toeloopend dak. Richten wij onzen blik meer oostwaarts, dan zien wij een zacht hellend plateau, waarop zich tusschen rijke korenvelden en frisch groene weiden het dorpje Schuls uitstrekt. Vooral treden hier de schoone, nieuwere hotels op den voorgrond, terwijl op een steile rots de dorpskerk zich verheft. Aan de geheele noordelijke zijde van het dal zijn de minder steile hellingen met weiden bedekt; zij gaan in tegenstelling met den spitsen, woes-ten , zuidelijken rotswand in zacht geronde toppen over. Hierachter, op kleinen afstand, (op ons standpunt echter niet zichtbaar) verheffen zich de bergketens van den Piz Minschun (3071 M.) en den l\'lz Champatsch (2933 M.) welke eindelijk in den Piz Fatschalv (3179 M.) en

-ocr page 14-

10

in den met ijs bedekten Fluchthorn (3396 M.), reusachtige bergtoppen uit de zeer uitgebreide on aan gletschers rijke Silvrettagroep eindigen, zoodat ook aan deze zijde, naar het noorden toe, het goed beschut is. Naar het westen toe, vertoont zich het ongeveer 260 Meter hoo-ger liggende plateau van Ardetz, dat in steile rotstrap-pen daalt en slechts door den nauwen, diepen Innstroom in tweeën verdeeld wordt. Oostelijk van den reeds ge-melden Piz Lat wordt de lage zadelvormige Norberts-höhe Zichtbaar, waarover een ruime rijweg zigzagsge-wijze van Nauders, in Tyrol naar het Zwitsersche grensstation Martinsbmck voert en die het dal in deze richting afsluit.

Maar waar ligt nu eigenlijk het herstellingsoord Ta-rasp-Bchula? Tarasp is slechts een verzamelnaam voor de verschillende, reeds vermelde gehuchten en dorpen, die als districts gemeenten één geheel vormen en verstrooid liggen op het terras aan den voet van den hoo-gen Piz Pisog en de naburige bergen. Het Kerspeldorp, naast het slot Tarasp en aan het meer gelegen, wordt dikwijls als het dorp Tarasp aangewezen; het heet echter in werkelijkheid ,, Fontanaquot;. Daar nu op den rechter oever van de Inn en op het gebied der districts gemeente Tarasp de eene helft der bronnen (Lucius, Eme-rita, Carola en Bonifacius) ontspringen, en op den linker oever, maar in \'t gebied der gemeente Schuls de Ursus- en de „Neue Badequelle,quot; terwijl de Wij- en de Sotsass-Quelle in de onmiddellijke nabijheid van het gehucht Schuls liggen, is aan de badplaats terecht den gemeenschappelijkcn naam „Tarasp-Schulsquot; gegeven. Om dezelfde reden draagt ook de maatschappij op aandee-len, die alle bronnen binnen het gebied der beide ge meenten voor den tijd van 70 jaar gepacht heeft, den naam; Taraap-Schulser maatschappij. Do geheele bad-

-ocr page 15-
-ocr page 16-
-ocr page 17-

13

plaats bestaat intusschcn uit drie verschillende deelen: het „Kurhaus Taraspquot;, het dorp „Schulsquot; en het gehucht „Vulperaquot;, welke wij hier nog nader moeten beschrijven.

I.

HET KURHAUS TARASP.

1185 Meter boven de oppervlakte der zee,

werd in 1864 voltooid en verheft zich op de linkeroever van de Inn, dus op \'t gebied van Schuls. Het is door een ruimen en schaduwrijken tuin van de rivier gescheiden en ligt aan den straatweg op de eenige, eenigs-zins ruime plaats van het overigens zoo nauwe dal. Het gebouw, dat uit bouwkundig oogpunt beschouwd, grootsche evenredigheden toont, is met den voorgevel naar den op het zuiden gelegen tuin gekeerd en bestaat uit een vooruitstekend middelgedeelte met twee zijvie.ugels. In den oostelijken vleugel worden twee verdiepingen voor de badinrichting gebruikt. In de benedenste verdieping bevinden zich 30, in de bovenste 26 badkamers; buitendien is er op beide afdeelingen eene inrichting, om douches te gebruiken, waar de temperatuur juist volgens het voorschrift geregeld kan worden. Uit de verschillende buizen kan iedere badkuip naar verkiezing met gewoon zoet water, met koolzuur- of ijzerhoudend, of met alkalisch-salinisch mineraalwater voorzien worden. Boven de meeste badkuipen, waarvan sommige van metaal, sommige van hout zijn gemaakt, zijn krachtige douches aangebracht. Eene stoommachine,

-ocr page 18-

14

die in een nabijgelegen huisje staat, pompt het verschillende mineraalwater uit de bronnen in hoog gelegen, goed gesloten reservoirs, uit welke het in de pijpen vloeit; en tegelijkertijd levert de machine ook den stoom, die noodig is voor de verwarming der baden, welke nu tot stand wordt gebracht, volgens een doelmatige wijziging van het systeem van Schulart. Geheel gesloten koperen pijpen, die de ruimte up den bodem van de kuip bijna vullen, kunnen gemakkelijk en snel aan de stoomleiding worden bevestigd; door de vele kronkelingen in deze pijpen, die de verwarmingsoppervlakte ver-grooten, verwarmt de stoom binnen weinige minuten het mineraalwater tot op de hoogste badtemperatuur, zonder de bestanddeelen van het water te veranderen en daardoor dadelijk een gedeelte van het koolzuur er uit te verwijderen; en zonder dat de weer vloeibaar geworden stoom in het badwater kan dringen, waardoor de kracht van het laatste zou verminderen. Na de, op deze manier, snel verkregen verwarming, wordt de buis door liet badpersoneel gemakkelijk weer losgemaakt en verwijderd.

Uit de baden van het Kurhaus komt men dadelijk in den fraaien en schaduwrijken „Gartenquot;, waarvan de breed aangelegde paden, die zich tot aan den rivierdijk uitstrekken, eene voortreffelijke gelegenheid aanbieden voor de lichaamsbeweging, die men na het bad moet nemen. In den, tegen den wind beschutten aanleg, vindt men eene aangename rustplaats in dicht begroeide prieelen, keurige tentjes en op gemakkelijke banken, die overal zijn aangebracht; dit plantsoen wordt versierd door een schoone fontein.

Eene aan de badplaats behoorende Kurkapel, die nu reeds voor het begin van het seizoen aanwezig is, speelt des morgens in de „Trinkhallequot;, en laat zich

-ocr page 19-

\'s middags en \'s avonds hooren in eenc- muziektent, die aan de voornaamste wandeling in den „Gartenquot; onlangs gebouwd is. Van tijd tot tijd worden deze muziekuitvoeringen afgewisseld door concerten en soiree\'s dansan-tes. Om de Kurgasten ook nog verder afleiding te geven, vindt men in het plantsoen allerlei spelen, waaronder eene bizonder doelmatige kegelbaan uitmunt, die overdekt en met asphalt bevloerd is.

Tegenover de muziektent, aan den westelijken vleugel van het hoofdgebouw, heeft men in den laatsten tijd eene cate-verandah gebouwd van glas en ijzer, waaide badgasten kunnen ontbijten, en ook later op den dag, wanneer zij dat wenschen, ververschingen kunnen gebruiken.

Het eigenlijke Kurhaus bevat verscheidene grootere vertrekken, waar de logées zich kunnen vereenigen. Op de eerste verdieping is de groote en hooge eetzaal, waarin men een rijk versierd en kostbaar plafond vindt, en dicht bij die zaal een restaurant, dat tot de inrichting behoort, en waar men a la carte eet. In het sous-terrain zijn de biljartkamer, een café en een restauratie-zaal, een muziek- en een damessalon. Onder de 160 kamers van het Kurhaus bevinden zich verscheidene ruime slaapkamers met alkoven, en vele salons. die van een balcon voorzien zijn, en meestal op het zuiden liggen.

Behalve in vele couranten en tijdschriften, die in de gezelschapskamers ter lezing liggen, vinden de gasten bij ongunstig weer gewenschte afleiding in de bibliotheek van het hotel, waarvan de boeken, in verschillende talen , ter hunner vrije beschikking zijn. Het post- en telegraafkantoor bevindt zich ook in het gebouw zelf\', terwijl men, volgens het tarief, altijd paarden en rijtuigen van het hotel klaar vindt staan in de boerderijen,

-ocr page 20-

16

die, op eenige minuten afstands, op den rijweg naar Ardetz gelegen zijn.

Zeer dicht bij het Kurhaus verheft zich de Villa Dépendance, die aan drie zijden in den „Gartenquot; uitkomt, en waarin vooral geheele families een aangenaam verblijf vinden in comfortabel ingerichte, in elkaar uitkomende appartementen. Het logies in dat gebouw is ook aan te bevelen, omdat men er verscheidene balcon- en in de afzonderlijke salons uitkomende uitgebouwde kamers vindt.

Gedurende het laatste jaar heeft men de geheele inrichting electrlsch verlicht, buiten door zes groote lantarens , met een verlichtingsvermogen van 100 kaarsen, en verder door ongeveer 500 gloeilampen, ieder gelijkstaande met 16 kaarsen (systeem Swan). Op een geïso-leerden heuvel, ongeveer een half uur van het Kurhaus verwijderd, heeft men sen huis gebouwd voor de verpleging van lijders aan besmettelijke ziekten, voor het geval, dat zulk eene ziekte van buiten af meegebracht mocht worden. Tot nog toe is het gelukkig niet noodig geweest, het gebouw tot dat doel te gebruiken, en in-tusschen deed het dienst als restaurant; het prachtige uitzicht, dat men van daar uit geniet op liet slot Ta-rasp , en de reusachtige bergen, die zich daar achter verheffen, maakte het als zoodanig zeer gezocht.

Ook voor de hygiënische en sanitaire inrichtingen wordt tegenwoordig op de beste wijze gezorgd. Alie afval, de excrementen, het regenwater en zoo voort, dat alles wordt dadelijk en snel afgevoerd door eene nieuwe kanalisatie van de geheele grondvlakte van het Kurhaus, volgens het systeem van Waring, door aanwending van automatisch werkende spoelbekkens. De closets van het Kurhaus, ingericht volgens een voortreffelijk Engelach systeem (Jenkins Patent) zijn voor-

-ocr page 21-

17

zien van ruime doorspoeling met water en de beerputten worden zorgvuldig geventileerd.

Zelfs de steile, noordelijke berghelling achter het Kurhaus is. zoover mogelijk, met schaduwrijke boomgroepen en dichte struiken beplant. Sedert korten tijd kan men haar beklimmen langs een veel gemakkelijker voetpad, dat verder op rechts af\' slaat naar de druk bezochte koolzuurgas motetten. en links naar Fettan leidt. In haar oostelijken hoek, dicht bij den rijweg, staat de fraaie, pasgebouwde Engelsche kerk.

Slechts weinige schreden brengen ons bij de overdekte brug over de Inn; aan die brug staat op den tegenover liggenden oever, rechts een gebouwtje met verschillende winkels, in welks onderste verdieping een ijzerzuurbron ontspringt, de Carola bron genaamd, waarvim het water overgepompt wordt in de baden van het Kurhaus. Aan de oostelijke zijde van ln-t ruime plein, dat zich voor de brug en dit gebouw uitstrekt, ziet

-ocr page 22-

men de grootsche, in 1876 voltooide „Trinkhallequot; (zie liet vignet op den omslag); door een portaal aan de westzijde van deze Halle komen wij eerst in de overdekte wandelplaats, die 300 voet lang en aan den rivierkant van hooge vensters voorzien is, terwijl men aan de andere zijde elegante winkels ziet, en het geheel met sierlijk paneelwerk bekleed is. Van hier leiden elf trappen naar beneden in een nisvormig voorportaal, waar wij op den muur de volgende bezielde regelen lezen, eene hulde van een vroegeren Kurgast, die hier gedurende verscheidene seizoenen vertoefde, den wereld-beroemden, nu overleden Berthold Auerbach:

„Die Alpenluft voll Heileskraft,

Heilkraft\'ger Quell im Grunde,

Vereint Dir neues Leben schafft;

So athme, trink\', gesimde.quot;

Hieraan grenst onmiddellijk de indrukwekkende rotonde, die, 6ö voet hoog, met een koepelvormig dak bedekt, en met smaakvol stucadoorwerk versierd is; hier zijn twee voortreffelijke glauberzoutbronnen, de Lucius- en de Emeritabron , die, door marmeren bassins omgeven, met kracht omhoog springen. Daar achter leest men op den muur de volgende woordspeling, die zeer toepasselijk is op deze badplaats: ,,Aëre, sale, salus aerea.quot; Verwarmingstoestellen in de rotonde en in het voorportaal zorgen voor de temperatuurverhoo-ging van het zeer koude mineraalwater, hetgeen dikwijls noodig is; in deze toestellen worden ook flesschen geplaatst, met zuiver, warm water, of warme melk gevuld, waarvan de inhoud, als toevoegsel aan liet mineraalwater, voor sommige patiënten noodig is. Hier worden ook, aan eene tafel, de verschillende soorten

-ocr page 23-

19

van ijzerhoudend water geschonken, uit verschgevulde flesschen. Van de rotonde af strekt zich het gebouw verder uit als een lange smalle straat, waarin zich de noodige ruimte bevindt voor de verpakking van hot mineraalwater, dat uitgevoerd moet worden. Dadelijk achter de Trinkhalle neemt een dicht bosch de wandelaars op in zijne koele en verkwikkende schaduw; hot wordt doorsneden door een breed voetpad, dat zich later in tweeën verdeelt. Het eene stijgt langzaam tot Ausser-Vulpera, en daalt vandaar weer naar den oever, waar een kleine brug over de rivier geleidt, terwijl het andere, langs een bijna vlakken weg, hetzelfde park dadelijk bereikt langs den rotsachtigen en steilen oever van de Inn.

Ook in eene westelijke richting strekt zich de Promenade, vanaf de Trinkhalle, uit, volgt de rivier en bereikt spoedig een lief elzenboschje, dat in een bevallig, natuurlijk boschpark herschapen, en van uitlekkende rustplaatsen ruimschoots voorzien is. Van hieruit gaat een gemakkelijk voetpad langs de dicht begroeide helling naar boven, waar het spoedig het gehucht Florins op het plateau van Tarasp bereikt, terwijl een zijpad uitkomt bij Inner-Vulpera. Tengevolge van zijne lage ligging in het smalle dal, kan het Kurhaus met zijne naaste omgeving zich niet beroemen op een vrij en ruim uitzicht. Alleen de trotsche, aan toppen rijke Lischanna en zijn smallere buurman, de Pic St. Jon, vertoonen zich in volle majesteit met hunne grijze. steile rotswanden boven de hellingen van de naburige bergen, die, ter hoogte van Schuls, ver uit elkander liggen. Deze schaduwzijde, die volgt uit de ligging van het Kurhaus, wordt evenwel ruim vergoed door allerlei voorrechten, ais: het voorhanden zijn van de mineraal baden in het huis zelf, de nabijheid van de voornaamste

-ocr page 24-

20

bronnen, zoowel die van G-kuiberzoutwater aid de ijzerhoudende, welke van groot belang zijn, niet alleen voor ernstig ongestelde patiënten, maar, bij ongunstig weêr, voor alle badgasten. Maar, Juist ook de naar bijna allo kanten ingesloten ligging van het Kurhaus brengt weer lichtzijden niet zich, ten opzichte van het klimaat, dat hier ter plaatse zachter en meer tegen den wind beschut is. Dit ziet men vooral ook uit de omstandigheid, dat de gasten tot :s avonds laat in den tuin van het Kurhaus kunnen zitten. De vlak bij gelegene rivier zorgt door hare snelle strooming voor genoegzame ventilatie. Ook is het zeer te waardeeren, dat men er zooveel schaduw heeft, zoowel in het plantsoen bij het Kurhaus, als op de uitgestrekte boschwegen in de naaste omgeving.

Slaan wij een van deze wegen in, en wel dengenen waarvan wij reeds gesproken hebben, die van do Trinkhalle door het bosch en langs de rivier loopt, dan komen wij spoedig bij eene kleine brug; deze ligt over de Inn, niet ver van de plaats, waar de schuimende Blemgia, tot hiertoe gebruikt tot het eentonig in beweging brengen van een zaagmolen, die schilderachtig aan haren oever ligt, zich met onstuimige haast in die rivier stort. Aan den anderen kant bereikt de weg spoedig, over eene zachte helling naar boven loopend, een vriendelijk en ruim Plateau, vanwaar wij, tusschen weelderige korenvelden doorgaande, in een klein half uur van het Kurhaus naar öchuls komen.

Nrog gemakkelijker en bijna zonder dat men merkbaar klimt, gaat men langs den rijweg, die in het laatste jaar, ten behoeve van het drukke verkeer, verbreed en van een ijzeren hek voorzien is, in een klein half uur van het Kurhaus naar de aanzienlijke buurtschap

-ocr page 25-
-ocr page 26-
-ocr page 27-

II.

S C H ü L S.

Dit dorp, dat volgens de laatste volkstelling 913 inwoners heeft, en tegen eene zachte glooiing van den berg gebouwd is, splitst zich in twee gruote deelen. Ober-Schuls, 1213 M. boven de oppervlakte der zee gelegen , telt aan den rijweg zelf verscheidene nieuwe hotels en pensions, zoowel als nieuwe huizen van particulieren. Ongeveer 15 minuten boven de westelijk gelegen huizen, vinden wij op de groene, aan weilanden rijke, noordelijke helling, de Wij-bron, met ijzerhoudend water, dat zeer rijk aan koolzuur is, en daarnaast, op een niet hooger, eenigszins vooruitspringenden heuvel een overdekte koepel, die naar alle kanten open is, en een verrukkelijk uitzicht aanbiedt. Aan de oostzijde van Ober-Schuls, niet ver van den rijweg naar Sent, ontspringt. uit de rots de Sotsass-bron, die bizonder koolzuurhoudend mineraalwater bevat, en door een soort van prieeltje omgeven en overdekt wordt. Het grootste gedeelte van het water uit de \'Wij-bron wordt door ijzeren buizen naar de badhal van Schuls gevoerd. Deze „Hallequot; is een smaakvol gebouw van eéne verdieping en staat op een open gelegen terras tusschen Ober- en Unter-Schuls, met den gevel op het Zuiden gelegen. Het portaal, waardoor men binnentreedt, leidt naar eene groote galerij, die het geheele middengedeelte van het gebouw beslaat, en waarop twee langwerpige zijvleugels uitkomen, ieder met 9 ruime en hooge badkamers , en met oen kabinet voor douches. In deze bad-

-ocr page 28-

inrichting kunnen alleen staal- en gewone zoetwater-baden, benevens douches genomen worden; overigens zijn alle tot het baden behoorende inrichtingen daar gelijk aan die van het Kurhaus, zoodat wij naar onze beschrijving daarvan verwijzen.

Unter-Schuls (1210 M. boven de zee) ligt, wat zijn middengedeelte betreft, schilderachtig gegroepeerd om den steilen bergtop, waarop de dorpskerk in majesteit zich verheft. Van hier uit voert eene overdekte brug over de Inn naar haren rechter oever, die begroeid is met dichte dennen bosschen. In hunne schaduw volgt men een voetpad, dat naar het idyllische, schoon gelegene St. John voert, aan den voet van een berg, die denzelfden naam draagt. Hier bieden zich twee wegen den wandelaar aan; de eene brengt hem zonder veel inspanning tot. op den top van den forschen Pic Lischanna, waar men een heerlijk vergezicht geniet, terwijl de andere, midden door het bosch, hoog boven het ravijn van de Glemgia, hem in het woeste en romantische Scarlthal brengt. Aan den voet van den berg, langs den oever der rivier, leidt een lommerrijk boschpad naar het dorpje Pradella.

Schuls heeft aan zijne ligging in een kom aan de zachte helling van den berg te danken, «lat er betrekkelijk weinig wind is; n-n groot bewijs voor de zachtheid van zijn klimaat, in vergelijking niet zijne huoge ligging, is, dat in de tuinen, die smaakvol tusschen de huizen verspreid liggen, nog appels, peren en kersen rijp worden en men er zelfs nog eenigf weinige populieren vindt. Wel is waar vindt men op den linker oever van de rivier en dicht bij het dorpje zeer weinig boomen en dus ook geen schaduw; maar daardoor geniet men er een ruim en bekoorlijk , naar alle kanten onbelemmerd uitzicht. Het glanspunt van dit geheele,

-ocr page 29-
-ocr page 30-
-ocr page 31-

schoone panorama is het gezicht op de indrukwekkende rotsgroepen aan de zuidzyde; bij dezen grootschen achtergrond vormen het vriendelijke dorpje Vulpera, en de groene heuvelen van Tarasp een liefeliik afstekenden voorgrond!

Schula bezit tegelijkertijd staalbronnen en staalbaden, die, gevoegd bij het gunstige alpenklimaat, de patiënten in staat stellen, daar eene volkomene versterkende staalkuur te ondergaan; tevens is zoo veel mogelijk voor het gemak der andere badgasten gezorgd, daar zij, uit alle hotels van öchuls, gedurende den voormiddag gratis per omnibus, of met andere extra-rijtuigen naaide „Trinkhallequot; te Tarasp vervoerd kunnen worden.

III.

VULPERA.

Vulpera ligt 1270 M. boven de oppervlakte der zee, in eene smalle, met bloemen bedekte veldstreek, die aan drie kanten ingesloten is door fraaie boschjes, die aan een door de natuur gevormd pad doen denken. Het dorpje bestaat uit twee, geheel van elkaar afgezonderde groepen huizen. Inner- en Ausser-Vulpera, die bijna geheel bestaan uit hotels en pensions, behalve uit enkele boerenwoningen. Naast Inner-Vulpera verheft zich, midden op een weiland, eene kleine kapel, waar gedurende den zomer dikwijls roomsch-katholieke gods-

-ocr page 32-

23

HOF AVRO NA.

gaat, naar Inner-Vulpera, en vandaar tot naar Tarasp-Fontana, terwijl een smalle straatweg, en een daarmee parallel loopend voetpad. Inner- en Ausser-Vulpera met elkaar verbinden, en uitloopen op een eenigszinshobbe-ligen weg, langs welken men Schuls bereikt over de Clemgia-ravijn en «•••n daaraan grenzend plateau. Reeds eerder spraken wij van voetpaden, die dwars door het bosch beneden Vulpera loupi n, en voor Ausser-Vulpera eene kortere en aangenameiquot; comiiuini(;atie met de Trinkhalle en 8« huls opleveren.

Ook Vulpera heeft door zijne schoone, opene ligging een prachtig vergezicht, en ziet men hier al niet de majestueuse zuidelijke rotswand , daar het dorp op de zuidelijke helling ligt, men wordt er des te meer verrukt door het bekoorlijke uitzicht op do zonnige land streek aan df-n noordelijken kant en de fraaie buurtschappen Pettan-Schuls en Sent.

dienstoefemng gehouden wurdt. Van het Kurhaus uit leidt efii riiwem, die langzaam zig-zags gewijze naar boven

-ocr page 33-

2y

Wat het klimaat betreft, is Yulpeni bizonder begunstigd door de nabijheid van liet bosdi, de hoogere, vrijere ligging en de zuiverder, minder door stofdeeltjes verontreinigde lucht. Van Vuljiera uit bereikt men het gemakkelijkst de verschillende puiitcu. op het phiteau van Tarasp gelegen, waarheen men bij voorkeur uit-stapjes maakt, zooals Tarasp-Fontana, de Kreusbi:rg, die zicli daarnaast verheft, en vanwaar men een prachtig panorama ziet, de eenzame „Schwarze Seequot;, die op een hooger, door bosch omgeven terras ligt, en het stille Avrona, iioog boven het (Jlemgia-dal gelegen.

II.

DE GENEESMIDDELEN VAN TAHASP-ÖCHU LS.

Evenals bij Iédere bad- of drinkkuur, komt het ook bij die, wi.\'lke men Tara.sp-.Sciuils ondergaat, volstrekt niet het meest aan op specifieke geneesmiddelen, die daar voorhanden zouden zijn, tegen bizondere ziektegevallen, maar alleen, zooals Kisch terecht opmerkt, op de geneesmethode. Die methode moet, met betrekking tut alles, wat tot het gebied der hygiëne behoort, vooral wat betreft de voeding. kleeding, levenswijze en lichaamsbeweging in de open lucht, geheel op dezelfde wijze en niet dezelfde consequentie gevolgd worden .als dit overal tegenwoordig gebruikelijk is bij de behande-ling van zieken door den geneesheer. Wanneer evenwel, niettegenstaande do volkomen gelijke behandeling, de

-ocr page 34-

30

resultaten, die men in de badplaats verkrijgt, veel gunstiger zijn, dan kunnen wij deze op ervaring gegronde daadzaak zeker in de eerste plaats toeschrijven aan de omstandigheid, dat men te huis, waar men zijne gewone beroepsbezigheden moet verrichten, zich minder nauwgezet kan houden aan de voorschriften van de kuur; dan komen bij bad- en luchtkuren nog verschillende gewichtige redenen in aanmerking, die tot den goeden uitslag meewerken: de reis, de verplaatsing in geheel andere levensomstandigheden, en de invloed, welke die veranderingen op de patiënten uitoefenen.

De reis naar Tarasp-Schuls (zie de afdeeling over de reisroutes) is aanmerkelijk gemakkelijker geworden sedert de opening van den Aiiberger spoorweg, daar men nu van het laatste station, Landeck in Tyrol onze badplaats gemakkelijker bereiken kan door een rit van ongeveer acht uur langs de Inn en zonder bergpas, en men nu zoowel uit Duitschland als uit Zwitserland in korten tijd per spoor naar Landeck kan komen.

Het spreekt van zelf, dat zoowel de heen- als de terugreis van degenen, die zich naar Tarasp-Schuls begeven, van welke richting zi] ook mogen komen, hun langs interessante en sohoone bergstreken voert, daar die badplaats ongeveer midden in het lange Inndal, en dus teiniddeu van de Hoog-Alpen ligt; op die reis vindt men reeds den opwekkenden invloed van de verkwikkende lucht en de grootsche natuur, met hare afwisselende tafereelen. In Tarasp-Schuls zelf zal de frisse he bekoorlijkheid van de wereld der bergen, die zich daar in zeldzame majesteit ontvouwt, den tot de genezing zooveel medewerkenden psychischen invloed aanrnerke lijk verin icgen, evenals de zonnige pracht en de kleu-renrijkdorn van het schoone landschap op vioolijke en verkwikkende zomerdagen. De geheele omgeving van

-ocr page 35-

31

liet herstellingsoord biedt, door de schoonheid van hare natuur en hare bergen, veelvuldig gelegenheid tot aangename wandelingen en fraaie rijtoeren, zoowel in de onmiddellijke nabijheid, als verder in den omtrek. Het eenvoudige leven, dat men hier leidt is in volkomen overeenstemming met de verhevene en vreedzame rust van het landschap; toch ontbreekt het er niet aan het noodige en wensuhelijke comfort, maar de inrichting is niet luxueus, en men wenscht ook niet, haar daarvoor te laten doorgaan.

Behalve deze voor de gezondheid gunstige omstandigheden, waarvan de invloed op den goeden afloop der kuur onwederlegbaar is, ofschoon men dien niet mathematisch kan bewijzen, zijn de voornaamste factoren bij de genezing, waarvan men de werking beter na kan gaan: het klimaat in de alpen, de glauber- zout- en staalbronnen, de aan koolzuur rijke alkalische en staal-baden. Niettegenstaande de zeer gewichtige en door de ervaring bevestigde uitwerking van de bronnen, noemen wij het alpenklimaat in de eerste plaats, daar zijn invloed duidelijk merkbaar is en zonder twijfel in verschillende ziektegevallen en zelfs bij ziekten van eene bepaalde soort do genezing gruotelijks bevordert, en medewerkt om de mineraalwaterkuur in menig geval tot een goed resultaat te brengen. Daarom munt Tarasp-Schuls, wat het klimaat betreft, uit boven alle badplaatsen van Europa, die alkalische bronnen bezitten, zoodat men dit zeer in het oog moet houden en bedenken , dat deze plaats daardoor een van de meest ge-schikte herstellingsoorden is, die men des zomers inde alpen kan vinden.

-ocr page 36-

A. Het Alpenklimaat van Tarasp-Schuls.

1. DE PHVöIöCHE EIGENSCHAPPEN VAN HET KLIMAAT.

Naannutr ft-ii streek meer ui\' niinder verfunen ligt: boven het niveau van de zee, wordt, ondanks eenegelijke geogniphiache breedte, op het klimaat eenen krachtige n invloed uitgeoefend, die zich openbaart in de daaraan beantwoordende afname van den luchtdruk.

Voor het Kurhaus Tarasp (1185 M. boven de zee) vond l)r. Killia.-j, op grond van zijne gedurende verscheidene jaren opgedane ondervinding, gedurende liet seizoen (15 Juni tot 15 September) een gemiddelden barometerstand van 660 mil.1). Te Schuls worden aan het thans aanwezige meteorologische station (hoogte boven de zee, 1243 M.) sedert kort eerst waarnemingen gedaan, en zijn tot nu toe slechts die van 1881 1888 en 1885 te gebruiken2), waaruit, voor de vier maanden Juni tot en met September, een gemiddelde luchtdruk van 657,5 is op te maken. Te Tarasp-Schuls, waar reeds 1200 meter van de benedenste en meest dichte luchtlagen ontbreken, is diiö di\' luchtdruk reeds 100 inM. tegenover die van liet zeeniveau, verminderd, zoodat hij ongeveer i minder bedraagt dan de laatste.

Eene over het algemeen genomen eveneens constante meteorologische verschijning is de afname van de temperatuur van de lucht met de hoogte. Gedurende den zomer is de daling van de temperatuur in de alpen volgens Hann \') meer dan li maal sneller dan in den winter en bedraagt 0,70 3i per 100 meter, of 1° warmte-

1

\') Dr Kiihas, Kutischi- kururte uiid Miuerali|iiellen. Chur 1SS3.

2

\'-) Schwi\'i! , Meteorol. Beobui-htuiige» , Mil. Will, MX, u. \\X.

3

) Alle Temperaturun^abea beziehcii sich aut\' die 10U tbeilige Scula vod Celsius.

-ocr page 37-

afname per 143 meter meerdere verheffing boven de zee; in bergdalen die langzaam glooien en zich in de lengte uitstrekken, zooals in Engadin, is de warmte-afname echter langzamer. Bovendien oefenen op du gemiddelde lucht warm te van eene plaats hare orographi-sche verhouding, hare meer of mindere opene ligging, hare betrekkelijke vochtigheid, de nabijheid van bos-schen enz., eenen grooten invloed uit. Dat voor beneden Engadin zulke gunstige verhoudingen aanwezig zijn, bewijst de hierachter staande vergelijkende tafel \'i tus-schen de beide gemeenten Guarda in beneden Engadin en Scanfs in boven Engadin, die bij gelijke geographi-sche breedte ook even hoog boven de zee liggen.

Tafel 1.

Gemiddeld uit S jureu, wiuiriu de wuarnemingen zijn geschied.

Giiiirda in beneden

Engadin. 1650 M. b. d. zee. Gemiddelde

(iemiililelil

max. I min.

(tiiiiiitliielil

1

Gemiddeld p. jaar

4.ÜG

24.8

19.1

j 1.79

25.0

Juni.......|

11.24

22.5

1.8

: 9.71

21.7

Juli.......

14.09

22.5

4.9

12.25

24.7

Augustus . . . .

12.41

23.1

3.5

11.44

22.6

September . . .!

10.53

21.7

0.7

| 9.09

20.6

Juni -September;

12.03

23.2

2.4

10.01

22.4

Sciinfs in beneden

Engadin. 1050 M. b. d. zee

Gemiddelde

inïiv i uiiti

—26.4

1.2 U.9 -0.1 -1.8

- U.6

Bovengemelde waarnemingen werden gedaan met gelijke, door de vereeniging van natuuronderzoekers van Grauwbunderland geleverde instrumenten, op dezelfde

\') Aiis den Jahrcsberiohten «Ier Naturf. fiesellschnft Graubündens. lid. ■M — \\l\\ liihr die .Tahre 1 S(gt;4—1868 ui;d IS7(\'—187^ /usanuuenge-slelll und au 1\' Kalenderjahre statt der dort angegebeneu Jalirg. Dezem-ber bis Dezember umgerecbuet.

-ocr page 38-

84

uren (7 uur, 1 uur, 9 uur) gedaan. Uit bovenstaande tafel zien wij dat Guar da, bij gelijke hoogteligging als Scanfs, bepaald wanner is, namelijk eenengemiddelden hoogeren graad bezit van 2 p(Jt.

Het herstellingsoord Tarasp-Schuls wijst betrekkelijk nog meer gunstige warmteverhoudingen aan, omdat liet 400 meter lager ligL dan Guarda. Wij kunnen moeielijk tussdien dit oord en bovenEngadin een parallel trekken, omdat wij helaas over zeer weinig stofte beschikken hebben, daar de zicli over verscheidene jaren uitbreidende waarnemingen in het Kurhaus Tarasp slechts loopen over den tijd van 15 Juni —15 September, en van het tegenwoordige Zwitsersche meteorologische station in Schuls\') slechts de waarnemingen van 1881 — 1883 aanwezig zijn. Deze kan men echter verbinden met do gelijksoortige en gelijktijdige waarnemingen van liet meteorologisch station Bevers in bovenEngadin, dat ook evenals Schuls op den zonnigen, linker Innoever ligt en zij geven het volgende resultaat gemiddeld van beide Jaren genomen:

Tafel II.

Schuls.

1881-1883

(1243

M. boven de zee.)

en 1885.

7 u.

1 u.

9 u.

| Gemiddeld telillll«ll]| Min. j Max.

Juni.......

11.4

18.5

12.4

14.1 4.6 1 26.6

Juli.......

13.0

20.(5

14.2

16.1 7.7 | 27.0

Augustus.... September . . .

11.7 8.0

19.8 14.7

9.2

14.9 6.4 27.8

10.6 1.9 21.4

;

Juni -September

| [\\.-2

j 18.4

12.3

13.9 5.1 : 25.6

\') I)« in ISSt in Schuls stedaue waarnemingen zijn gebrekkig en kan meu daarom niet aauhaleu ; voor September 1885 zijn de opgaven volgens Bevers,

-ocr page 39-

T

af el

III.

Bevers.

11715

M. boven de zee.)

1881 - L883.

-

9 u.

|

idemiildeld

Gemiddeld

7 u.

1 u.

Min.

Max.

Juni.......

9.5

16.6

10.3

12.1

2.7

24.1

Juli.......

11.5

19.2

12.9

14.5

5.4

25.3

Augustus ....

9.3

18.1

11.5

12.9

4.5

25.5

September . . .

5.7

13.2

7.6

8.6

0.6

20.9

Juni-- September

9.0

16.8

10.6

12.0

3.0

23.9

Wanneer wij de gemiddelde temperatuur voor iedere maand afzonderlijk en voor de vier maanden te zamen observeeren, dan vinden wij eenen zeer gelijkvormigen temperatuurgang op beide plaatsen, terwijl de gemiddelde cijfers voor Juni, Augustus en September juist een gelijk verschil aanwijzen ten gunste van Schuls. De maand Juni evenwel -- dit willen wij om liet nog steeds heerschende vooroordeel, dat de temperatuur-ver-houdingen van Tarasp-Schuls identisch acht met die van bovenEngadin, — nog bizonder aanstippen — overtreft in hare gemiddelde cijfers do iniddeltemperatuur van de vier maanden in Bevers, wat voldoende bewijst, dat men zeer goed in Tarasp-Schuls met de kuur kan aanvangen in het begin van Juni. Door de goedheid van den heer Br. Killias, hebben wij over verscheidene Jaren eene nauwkeurige opgave van waarnemingen voor het Kurhaus Tarasp, waarvan wij iu Tafel IV de resultaten mededeelen, met de door hem berekende gemiddelde temperaturen, die echter natuurlijk op grond van den veel langeren waarnemingstijd van de hierboven voor Schuls aangehaalde gemiddelde cijfers eenigszins afwijken.

-ocr page 40-

36

Tafel IV.

Tomperatuurverhoudingen van het Kurhaus Tarasp.

Na waarnemingen loopende over 23 jaren door Dr. Killius, vanaf 15 Juni - 15 September.

Seizoen.

1804quot; 1880.

Juni (15 — 30) . . .

Juli.........

Augustus . ... . September (1 — 15)

[Gemiddelde temperaturen.

Gemiddelde uiterste

max.

min.

12.84

23.6

6.8

15.94

26.8

8.2

14.48

25.1

6.6

12.60

21.5

5.8

13.85

-

De hierboven aangegevene gemiddelde temperatuur van 13.85 mag men veilig als de normale gemiddelde temperatuur van het seizoen aanmerken, omdat de hoogste en laagste gemiddelde temperaturen in liet seizoen, genomen over 23 jaren, nog geene U0 van elkaar afwijken. De absoluut uiterste bedragen 30.öo en 1.0° en gevende „ volstrekte warmteschommelingenquot;.

Hieruit kunnen wij opmaken, dat ook de plaatsen in benedeiiEngadin nog eene aanmeikelijke niet periodieke warmteschommeling aanwijzen, en dat in dit opzicht Tarasp-Schuls doorgaande het karakter van het „Höhen-klimaquot; bezit; echter zijn de sciiommelingen voor Tarasp-Schuls altijd geringer dan voor bovenEngadin en nooit daalt daar de gemiddelde minimale temperatuur in verhouding zoo laag. Hiermee stemt ook de opgave van Kallias Jt overeen, dat de gemiddelde dagelijksche

|)(; uiterste grenzen, l)iiiiieii welke zich de gemiddelde temperatuur heelt gehoudeu. is iedere mau.11 d in t bizooder waargenomen.

-) killias, die Heilquellen uud Biider voa Tarasp-Schuls, IX Auti. Chur 1887 pag. 17.

-ocr page 41-

37

temperatuurschommeling voor het Kurhaus Tarasp 8 -9° bedraagt, terwijl volgens Ludwig \') ua tien Jaren van waaruemingen te Bevers voor de maanden Juni — September eene gemiddelde dagelijksche schommeling van 12° bestaat.

Met het dalen van de temperatuur in de hoogte is, wegens de geringere capaciteit, die koudere lucht voor vochtigheid bezit, noodzakelijk ook eene afname van het gehalte aan waterdamp verbonden, die echter in sterkere verhouding volgt dan de afname van den luchtdruk. De gemiddelde absolute vochtigheid, of dampdruk bedraagt, volgens de waarnemingen in het Kurhaus Tarasp, 7—9 mM. Op de relative vochtigheid daarentegen , die slechts uitdrukt de verhouding van de in de lucht aanwezige vochtigheid tot de hoeveelheid die bij de heerschende temperatuur van de lucht mogelijk is, wordt door de hoogteligging van de plaats zelve geen invloed uitgeoefend. Wel heeft, overeenkomstig de reeds vermelde temperatuurschommelingen, eene sterke afwisseling in de relative vochtigheidsverhoudingen plaats.

Wanneer wij weer de overeenkomstige data van Schuls en Bevers voor de vier jaren 1881—1883 en 1885, gedurende de maanden Juni —September, vergelijken dan vinden wij het volgende gemiddelde:

Betrekkelijke vochtigheid.

in pCt. uitgedrukt. 7 u. 1 u. 9 u. Gremiddelde

Schuls 80.3 55.6 76.4 70.8 Bevers 82.4 44.6 78.8 68.6

De gemiddelde waarden op beide plaatsen zijn ongeveer gelijk; bij beiden werden buitengewoon lage cijfers waargenomen bij de geringste vochtigheid. De schom-

\') J. M. Ludwig, das Obereagadin in seinem Einfluss autquot; Gcsuud-hcit und Lebeu. Gekrönle Preisschrift. Stuttïart 1877.

-ocr page 42-

38

melitigfii zijn echter in Schuls iets geringer. Volgens de indeeling van Menn. Weber\') hebben-wij op het midden van den dag eene zeer drooge, \'s morgens en \'s avonds eene matig vochtige lucht. — Om de relative vochtigheid goed te kunnen schatten, heeft men de daarop betrekking hebbende gemiddelde temperaturen te vergelijken zooals Tafel 11 opgeeft.

Uuor de betrekkelijke vochtigheid wordt wel is waar d\' hoeveelheid der verdamping bepaald; in de hooge luchtstreek is zij erhter groot«-r, omdat de verminderde lurhtdruk eene veel snellere verspreiding van den ge-vonnden waterdamp teweeg brengt, en dus ook eene versnelde verdamping. AVamyeer het mooi weer is, hccrscht er, Avegens de sterkere insolatie van liet hooggebergte, groote droogheid van den dampkring. Daardoor ontstaat eene in de lage bergstreken onbekende buitengewone doorzichtigheid van de lucht, wat de vreemdelingen dikwijls in de war brengt met het schatten van afstanden. Als gemiddelde bewolking vindt men in di\' verschillende jaren en dezelfde maanden, om 7 uur dis morgens te iSchuls : 4. 8; 1 p. m.; 9 p in.: en gedurende de zomermaanden op den dag gemiddeld 5, 2, bijna precies de gemiddelde hoeveelheid, die Harm J) op eene hoogte van 1800 Meter heeft afgeleid uit 7,.i-r rijkelijke gegevens. In het dal wordt bijna nooit nevi\'1 opgemerkt.

Kaar de Inchtdrukking te Ta rasp-Sc hu Is ongeveer ! verminderd is in vergelijking met die, welke heèrscht aan de oppervlakte van de zee, en daar verder het waterdampgehalte van de lucht, zooals wij reeds gezien hebben, nog sneller vermindert dan de luchtdrukking,

\'i Herm. Weber, Klimatotherapie — v. Zicmsscus Ilandb. il. ailjr. Therapie 11 IW. ] Thl, pag. 25

-) Hann, I e. pag. IT\'J

-ocr page 43-

39

naaxmate men stijgt, moet men hier dus eoue aanzienlijke vermeerdering van droogte vinden, daar d^ dichtste luchtlagen, die het rijkst aan water zijn, en, volgens Tijndall, hot meest de zonnestralen absorbeeren, hier slechts in geringe mate voorhanden zijn. Niettegenstaande de krachtige inwerking van de zon, blijft de lucht in de hoogvlakten betrekkelijk koel, daar, zooals \'wij reeds opmerkten, de lucht zelf slechts een geringe hoeveelheid van de zonnewarmte in zich kan opnemen. Hieruit blijkt ook duidelijk, hoe onjuist het is,wanneer men het bergklimaat wil vergelijken met de temperatuur in de schaduw, daar levende organismen, en in \'t algemeen ieder lichaam, in hoogste mate de recht-streeksche inwerking v;in de zonnestralen ondervindt, zonder dat de thermometer, die zich gewoonlijk in de schaduw bevindt, de kracht van dien invloed kan aanwijzen. Bunsen en Roscoe hebben aangetoond, dat ook de chemische intensiteit van de zonnestralen met de hoogte vermeerdert. Men moet hier vooral niet denken aan verschillende stralen, die van de zon uitgaan, maar zich herinneren, dat deze zonnestralen alleen van elkander verschillen door de lengte van hare golving, ot door hot onderscheid in den duur van hare trillingen, en dat hare verschillende uitwerkingen, die zich openbaren als licht, warmte en het omzetten van chemische verbindingen, niet gelegen zijn in eene bizondere hoedanigheid der stralen op zich zelf, maar gegrond zijn op den aard van het lichaam, dat zij bestralen. Daar om moet ook de intensiteit van het licht in de hoogvlakten toenemen. Dezeltde factoren, vi rminderde lucht-drukking en vermindering van het watergehalte van de lucht, hebben ook ten gevolge eene vermeerderde warmte uitstraling, evenals zij de droogte van de lucht doen toenemen; daardoor worden de grootere veranderingen

-ocr page 44-

40

van temperatuur in deze plaatsen gemakkelijk verklaard.

De regenbuien nemen, in vergelijking niet die van de vlakten, toe, waar het terrein langzamerhand de hoogte van do voor-Alpen bereikt, en vooral in de dalen, die met hunne opene zijde gekeerd zijn naar de richting van vochtige luchtstroomen. Waar echter horige en massieve gebergten de heerschende regenwinden stuiten, heetL men alleen aan de buitenzijde van die bergen zware regenbuien, terwijl er in de Alpendalen, aan den anderen kant gelegen, in de zoogenaamde ve-genschaduw, slechts weinig regen valt. Juist ons herstellingsoord Tarasp-Schuls levert hiervan een duidelijk voorbeeld , daar het behoort tot dat gebied van Zwitserland, waar het minst regen valt. Over de verdeeling van den regen in het geheele Inndal, geeft Hann de volgende berekening;

Jaarlijks gevallen regen to Rosenheim Innsbruck Landeck Remüs Zernek 138 87 57 57 59

Bevers Hils Castasegna 70 95 145

Om deze berekening aan te vullen, merken wij nog op, dat Eemüs, in de richting naar Landeck, het eerste dorp aan den groeten weg is achter Schnls, zoodat de gevallen regen te Remüs, op misschien een zeer klein verschil na, gelijk staat met dien te Tarasp-Öchuls. Hann spreekt op de volgende wijze over dit opmerkelijke feit: Het midden-Inndal tusschen Landeck en Zer-nek behoort lot het droogste gebied van de Alpenstreek. lt;.gt;ni dit verschijnsel goed te begrijpen, moet men niet vergeten, dat het Inndal twee ingangen heeft, aan het boven- en aan het benedengedeelte, daar de splitsing van de Maloja gcone afsluiting van hot dal vormt, maar het Inndal hier over eene bijna onmerkbare hoogte

-ocr page 45-

41

heen in hot Mairadal (Bergell) uitloopt. De regen kan dus van beide zijden het Inndal binnendringen, en in het middengedeelte valt de kleinste hoeveelheid, vooral in beneden Engadin, dat, door een bocht in de richting van het dal, bijna aan alle kanten door colossale bergen is ingesloten. De geringe hoeveelheid van gevallen regen behoeft volstrekt niet identisch te zijn met zeldzaam regenen, en is dat inderdaad ook te Tarasp-Schuls niet. In de zomers van 1S81 en LSS2, die, zooals bekend is, zeer rijk aan regen waren in geheel Midden-Europa, waren er aan

Dagen mot meetbaren gevallen regen:

Schuls

Bevers

1881

40

46

1882

50

68

1883

37

61

1885

29

53

Daarbij is er te Tarasp-Schuls, zooals reeds blijkt uit de geringe hoeveelheid gevallen regen, moestal slechts sprake van lichte voorbijtrekkende buien; eigenlijke regendagen, waarop men niet uit kan gaan, zijn zeldzaam, en zoo telde Dr. Killias, in den zomer van 1885, in het Kurhaus ïarasp, gedurende 47 dagen, waarop men don gevallen regen kon moten, van 15 Juni tot 15 September, slechts 6 eigenlijke regendagen. Hevige windvlagen komen in Tarasp-Schuls slechts zeer zelden voor. De door de Silvrettagroep gevormde, uit eene reeks heuvelen bestaande, noordelijke wand van het dal verleent eene bijna volstrekte beschutting tegen den kouden Noordenwind. De meest heerschende winden veranderen in de verschillende plaatsen, naarmate van hunne bizondere ligging: in het Kurhaus Tarasp heeft men het meest zuid-oosten en zu id-westenwinden, terwijl te Schuls dikwijls de oostenwind on nog vaker de

-ocr page 46-

42

westenwind waait. Aan zijne ingesloten ligging in de kom van het dal heeft het Kurhaus zijne betrekkelijk groote windstilte te danken. Uok de regelmatig afwisselende wind in het gebergte, over dag de dal- en des nachts de bergwind, merkt men niet veel te Schuls, dat op een slechts weinig hellend plateau ligt, en evenmin in liet Kurhaus, dat nog meer beschut is. De bergwind, die des nachts in de richting van het dal waait, kan reeds daarom niet veel beteekenen, omdat er zich volstrekt geen grootere sneeuw- of Gtetsc her velden bevinden aan den kant van het gebergte , die naar het dal is gekeerd, zoodat er liier van de ten onrechte sleciit befaamde gletscherwindf u geen sprake is. Het ligt ook waarschijnlijk aan de vele bochten in het dal van beneden Engadin, dat de uit het dal komende wind niet veel kracht heeft.

Professor Theobald, sedert overleden, heeft den geognos-tischen toestand van den grond te Tarasp-Schuls op voortreffelijke wijze onderzocht. Wij kunnen hier slechts in \'t kort aangeven, dat zoowel het Kurhaus Tarasp als Schuls op zoogenaamd „ Bundner-Schieferquot; staan, eene soort van lei, die dikwijls gespleten en erg verweerd is, terwijl Vulpera gedeeltelijk op granietbodem gebouwd is.

Beide zeer poreust- soorten van steen maken dat het water snel weg kan loopen, zoodat, zelfs na de zwaarste regenbuien, de wegen in korten tijd droog zijn. Daar hot terrein overal sterk afbelt in de richting van de snel stroomende lun, die het dal in de lengte doorsnijdt, is de grond er nooit vochtig, en stilstaand wa ter vindt men er evenmin als moerassen.

De plantengroei is in Tarasp-Schuls en zijne omgeving buitengewoon weelderig, hetgeen zeer getuigt voor de betrekkelijke mildheid van het klimaat. De zonnige

-ocr page 47-

43

noordelijke berghelling is tot op eene aanzienlijke hoogte bedekt met bouwland, waar, tot op 1600 M. boven de oppervlakte der zee, rogge, tarwe, aardappels, gersten hennep groeien, terwijl in Schuls zelf het fruit ook nog volkomen rijp wordt. In het welige gras van de weilanden en zacht glooiende hellingen ziet men tallooze soorten van fraaie bloemen, die op eene zeldzame wijze de Hora van de Alpen met die van de dalen vereenigen, en ook zelfs leeken in de botanie verheugen door hare sprekende kleurei;.

Gedurende den zomer vindt men niet dezelfde hooge mate van zuiverheid van lucht als in den winter die zulk een gewichtige klimatotherapeutische eigenschap uitmaakt van liet gebergte; toch is de lucht aanmerkelijk zuiverder dan in de dalen. Bij aanhoudend fraai weer heeft men ook hier op den straatweg last van stof, dat evenwel door de dikwijls voorkomende lichte regenbuien neergeslagen wordt.

Willen wij nu ten slotte resnraeeren, wat wij over het klimaat gezegd hebben, dan kunnen wij dat doen met de volgende woorden :

1. In vergelijking met laag gelegen landen onderscheidt zich het klimaat van Tarasp-Öchuls als dat van oeno iiooge luchtstreek door do vermindering van luchtdruk tot ongeveer i, door koelere temperatuur in de schaduw en grootere-verandering van temperatuur; door geringe absolute vochtigheid en grootere afwisseling in de relative vochtigheid van de lucht, door grootere kracht van de zonnestralen , die zich openbaart in helder licht, chemische uitwerking en grootere rechtstreek-sche verwarming van de lichamen; door poreusen, en dien ton gevolge droogen grond.

2. In vergelijking van nog iiooger gelegen plaatsen in het gebergte, onderscheidt zich het klimaat van Ta-

-ocr page 48-

44

rasp-Schuls door minder groote veranderingen van de temperatuur en van de relative vochtigheid, welke gedeeltelijk het gevolg zijn van de zwakkere insolatie, dour de minder hooge ligging en gedeeltelijk voorkomen uit de beschutte ligging van het geheele herstellingsoord en de dennebossdien, waardoor hot omgeven is; uit welk een en ander een over het algemeen regelmatiger eh zachter klimaat voortspruit.

II De physiologische werking.

Zoo zeker de voortreffelijke werking der hoogeiucht-streek door duizendvoudige ondervindingen gedurende eene reeks van jaren in de verschillende verblijfplaatsen in het gebergte boven allen twijfel verheven is, zoo weinig zeker zijn de physiologische daadzaken over deze inwerking bekend. — Het ontbraekt echter niet ;ian verschillende theoriëen, om dezen gunstigen invloed van de hoogeluchtstreek te verklaren. De meest gebruikelijke is die, welke de werking gohoel tot een klimaat-factor terugbrengt, en uit den verminderden luchtdruk eene snellere ademhaling, een snellere pols en eenen vermeerderden toevloed van bloed naar de peripherie afleidt. Eensdeels beeft men echter de veronderstelde toename van ademhalings en polssnelheid niet constant waargenomen, aan den anderen kant kan mer; ook a priori moeielijk aannemen, dat de krachtige regulatorische inrichting van ons organisme, ondanks hare zenuwvezelen, die eene terughoudende of versnellende kracht bezitten, zou toelaten, dat die veranderingen in de functiën van het respiratie en circulatiestelsel, zoo maar te weeg werden gebracht, als volgens het vaste programma van een physisch experiment. Anderen hechten weer het grootste gewicht aan een tweeden.

-ocr page 49-

op zich zelf staanden factor, namelijk de geringere hoeveelheid zuurstof van de verdunde lucht. Bert en Jour-danet nemen voer hoogten boven de 2000 meter eene aanmerkelijke vermindering van zuurstof in het bloed aan, met eenen daaruit voortspruitenden toestand genaamd „Anoxijhaemiequot;. Lombard \') brengt dit gebrek aan zuurstof ook reeds in rekening bij streken, hooger dan 1000 meter gelegen. Dat echter aan dit gemis geene groote physiologische waarde behoeft te worden toegerekend, bewijzen wel de beide daadzaken, dal bij gewonen barometerdruk slechts ongeveer 25 pGt. van de zich in de inademingslucht bevindende zuurstof wordt verbruikt, en dat het verbruik er van niet afhankelijk is van de wetten der diffusie van gassen, maar van den haemoglobine rijkdom van het bloed waarmee de zuurstof eene zwakke scheikundige verbinding aangaat, totdat het bloed er mêe verzadigd is. Ook de bekende waarnemingen van Tyndall en Frank-land die eene grootere bewegelijkheid en energie van de zuurstofmolekulen in de lucht der hooggelegene streken aantoonen, spreken tegen de veronderstelling van Lombard.

Het is gewis verkeerd, om uit enkele factoren in hoofdzaak de geheele werking van het Hoogeklimaat te willen verklaren. quot;Wij hebben in het voorafgaande vele en gewichtige klimaatfactoren leeren kennen, die zonder twijfel eenen niet minder grooten invloed van physiologischen aard uitoefenen dan de verminderde luchtdruk en de geringere hoeveelheid zuurstof.

De sterk vermeerderde verdamping, het geringere gehalte aan waterdanp en de veel krachtigere zonnestraling bewerken te zamen een aanmerkelijk verhoogd

\') Lombaril, traiU- de C\'limatologie médicale. Tome 1 I\'aris 1877. pag. 267.

-ocr page 50-

■tü

waterverlies door de longen, dat zich openbaart in droogc lippen, drooge luiid en \\,erinee\'rderden dorst. Bij bizondere daartoe gedisponeerde individuen kan dit alles onder zeer begunstigende meteorologische invloeden, zelfs tot „Akklimatisatiebezwarenquot; aanleiding geven, door Ludwig \') voor boven Engadin meesterlijk beschreven. In Tarasp-Schuls neemt men deze verschijnselen echter slechts uiterst zelden waar, zooals ook te verwachten is bij de lagere ligging en de daarmeê tred houdende geringere intensiteit; de klachten over eenen onrustigen en door zware, angstige droomen gestoorden slaap komen dikwijls voor; in sommige zomers zijn ze bijna algemeen, niet alleen bij hen, die uit de bronnen drinken, maar ook bij lien, die slechts aanwezig zijn om van de luchtstreek te profiteeren.

Het verlies aan koolzuur, dat slechts van den druk der atmosfeer afhankelijk is, moet reeds ten gevolge van den verminderden luchtdruk vermeerderd zijn; waarschijnlijk wordt het ook door de sterkere inwerking van het zonlicht verhoogd, waarvoor Ludwig waarnemingen van Moleschott en -Marme aanhaalt die daarop betrekking hebben.

Wanneer verder de meerdere verdamping en de lagere temperatuur van de lucht aan het organisme meer warmte moeten onttrekken, dan wordt deze werking wel weer voor een deel gecompenseerd door de aan waterdamp armere lucht, die daardoor tot eenen slechte-ren warmtegeleider wordt.

In ieder geval gaat het toch niet aan, om uit de werking van \'d»; verschillende luchtstreek factoren het totaaleön t te willen opmaken; daarom moeten wij het aiperikiiinaat in zijn geheel nlt; men, en om eene veelvul dit\' beproefd\'- werking te verklaren, zijn hoofdverschil

\'I. Ludwig, 1. c. pag. 1Ü7.

-ocr page 51-

47

met dat van \'Je lagen- luchtstreek in het oog houden, dat, zooals wij boven aantoonden, naast do vermeerderde v rdamplng en de grootere kracht van zonnestraling, U-staat in de grootere afwisseling van temperatuur en vochtigheid. Daar nu, zooals Braun \') aantoont, het organische llt;-v«-n berust, op eene afwisseling in de ph;isen van rust en Vie weging, en wel van verschillende beweging in ieder opzicht, kan men aannemen, dat de geheele physiologische w.-rking van de alpen luchtstreek opwekkend, stimuleerend is ten gevolge van de grootere en snellere schommelingen in hare atmospherische verhouding. Waarschijnlijk is in de berglucht de stofwisse ling daarom versneld: nauwkeurig vergelijkende onderzoekingen, de stofwisseling betreffend, aan dezelfde personen, bij gelijk dieet en onder zooveel mogelijk gelijke verhouding, zijn nog niet gedaan.

Het is bewezen, dat deze opwekkende werking zich empirisch in drie richtingen doet gelden: Ie. door de werkzaamheid der huid te versterken; 2e. door eene, ten minst-• in het begin, aanmerkelijke vermeerdering van eetlust en verbetering der assimilatie, waardoor verbeterd^ bloedvorming en voeding van het geheele lichaam; 3e. door opwekking en sterking van het zenuwstelsel. Oek is het waarschijnlijk. dat aan de werkkracht van het hart in de berglucht eenigermate grootere eischen werden gesteld , en dat zulks langzamerhand leidt tot een krachtiger worden van de hartspier en daardoor tot krachtigere samentrekkingen van het hart. wat ook doer Henu. quot;Weber *) is waargenomen; deze vragen kmmen echter slechts bewezen worden door vergelijkende sphygmo- en cardiographische metingen.

\'i Jul Kraun, M l.f\'hrburh d. Halneotherapie 4 Anti. hirj von S K. H. Tromm. U«rliu 18S0; pag. 479.

-) Hem. Weber, 1. c. pag. 131.

-ocr page 52-

48

Vervolgens is het ook zeer waarsclüjnlijk, dat eene langzame versterking van de ademhalingsspieren wordt verkregen door de in de bergstreken consequent vol te houden longgymnastiek, door middel van het stelselmatige beklimmen van de meer of minder steile hoogten.

Beantwoordend aan deze stimuleerende en sterkende inwerking, vindt het Alpenklimaat zijne therapeutische aanwending het eerst daar, waar men eene algemeene verbetering van bloedvonning en lichaamsvoeding beoogt, dus vooral bij algemeene voedingsstoornissen, zooals anaemie, chlorose, scrophulose, bij anaemische zwaarlijvigheid en in het reconvalescentietijdperk van zware ziekten. In Tarasp-Schuls heeft men buitengewoon snelle resultaten bij hen die door malaria of door langdurig verblijf in de tropische gewesten uitgeput zijn, hetgeen wij slechts kunnen toeschrijven aan den vereenigden invloed van het krachtig makend klimaat en van de alcaliseh salinische bronnen. Eene verdere, niet minder gewichtige indicatie vormen zenuwziekten en sterke mate van zenuwachtigheid, vooral wanneer zij het gevolg zijn van gebrek aan bloed of van uitputting. Ook bij vele ziekten van het chylopoëtisch stelsel zal de hooge luchtstreek van zeer gunstigen invloed zijn, omdat het de spijsvertering en de assimilatie verbetert, zoowel bij den chronischen maagcatarrh als bij vele gevolgen van trage circulatie in den onderbuik.

Na in het voorafgaande meer de Alpenluchtstreek in het algemeen te hebben behandeld, moeten wij nu nog als eene bizondere eigenschap van het klimaat van Tarasp-Schuls zijne buitengewone zachtheid aanstippen, die het te danken heeft aan hare lagere en meer beschutte ligging, aan lt;1gt;\' minder sterke schommelingen in de temperatnur en aan het gehalte aan vocht. De werking van dit klimaat zal daarom, hoewel het door de hooge

-ocr page 53-

49

?iie ligging van de plaats, die 1200 meter bedraagt, altoos

rdt nog versterkend en opwekkend is. toch veel minder

te prikkelend zijn dan die van boven Engadin. Daarom

aa- | werkt het verblijf in Tarasp-Schuls nog zeer voordeelig ;n. bij zeer anaemische en in liooge mate nerveuse patiën-

de ten, die het veel meer opwekkende klimaat van bo

lle ven Engadin niet meer kunnen verdragen. Ook de meeste

ie hartziekten, die voor boven Engadin gecontraïndiceerd

e- zijn, maken het in Tarasp-Schuls zeer goed; klepgebre-

o- ken natuurlijk slechts dan, wanneer volkomeue compen-

ie satie aanwezig is. Van jaar tot jaar neemt het aantal

ii patiënten met hartvervetting, die in Tarasp-Schuls om

hulp komen , toe, en het snelle verdwijnen van aan-r vallen van angina pectoris, het meerdere gemak waar-

t mede men na korten tijd trappenklimt en bergen be-

i | stijgt, duiden ook op een gunstigen en zeer werkzamen invloed van deze luchtstreek , terwijl dikwijls een slechts zeer kort oponthoud in boven Engadin de bezwaren van deze patiënten onmiddellijk in hooge mate doet toenemen.

Üok zijn voor het klimaat van Tarasp-Schuls tegen-aangewezen al die ziekten, waarbij groot krachtver-lies is ontstaan ut\' gebrek is aan liet noodige weerstandsvermogen , urn zich te kunnen voegen naar de aanwezige schommelingen in de atmospherische invloeden, dus bij vergevorderde tijdperken van tering, kanker, klapvliesgebreken. enz. Er behoeft na het reeds voorafgaande zeker niet verder te worden aangestipt, dat Tarasp-Schuls als tijdelijke verblijfplaats voortretï\'ehjk is voor hen die naar boven Engadin ut\' naar Da vos gaan of er van terugkeeren , waarna een voorafgaand uf daar-upvolgend oponthoud in eene van deze geneeskracht bezittende streken, raadzaam wurd geoordeeld.

-ocr page 54-

B. De mineraalbronneQ van Tarasp-Schuls.

Met werkelijk kwistige hand lieuft de natuur onze, reeds aan landschappelijk schoon zoo rijke, door beschutte ligging en milde luchtstreek begunstigde ge-neesinrichting, ook nog niet talrijke genezing aanbrengende bronnen van verscliiliende samenstelling gezegend! Er zullen in Europa niet vele streken worden gevonden die op eene zoo kleine oppervlakte eenen zoodanigen menigvuldigen rijkdom aan belangrijke mineraalbronnen kunnen aantoonen. In den engeren omtrek van de geneesinrichting ontspringen meer dan twintig geneeskracht bezittende bronnen, die deels tot deglauber-zoutbronnen, deels tot de eenvoudige of samengestelde staal houdende zuurbronnen, deels tot de koude zwavel wateren behooren welke laatste voorloopig nog niet gebruikt worden.

Van de bronnen, die in den bodem van onze geneesinrichting voorhanden zijn, worden slechts acht, waar-ouder vier koude glauberzoutwateren en vier staal-houdende zuurbronnen van differente samenstelling, voor geneeskundig doel gebruikt. Al deze bronnen ontspringen uit de formatie van zoogenaamde „Bündner-schiel\'er\', die zich volgens Theobald \') onderscheidt door platen en losse massa\'s kwarts en kalkspath, door rijkdom aan zwavel kiezel, door aanslag van bitterzout, ijzervitriool en andere zouten. Het is verder, zooals Theobald zegt, hoogst merkwaardig, dat de rug en de zuidelijk van hen gelegen kom, in welker richting al deze bronnen te voorschijn komen, de voortzetting vormen van eene in tegenovergestelde lijn gerichte spleet, die de kalk en leilaag scheidt, waardoor de Inn

\') Prutquot;. G. Theobald, Geolüg. Beschreibung von Graubuudeii 1884. Bern J. Da lp.

-ocr page 55-

51

van Ardëtz naar beneden zich over eenige uitgestrektheid een weg heeft gebaand. Eer wij overgaan tot het bespreken van enkele bronnengroepen, deelen wij hier de ontleding mede van de op therapeutisch gebied gewichtigste hoofdbestanddeelen van die groepen:

Bcstanddeeleu op 1UUU deelen. De koulznre zouten berekend als bi carbon aten.

Zwavelzure Soda . • 2.10044

Kali . . . I 0.37909

Boorzure Soda.....| 0.17220

Salpeterzure Sodji.....• 0.0008Ü

rquot;hloorlithiuiu..........0.00299

Chloornatrium . . . 3.67395

Broom natrium.....| 0.02118

Joodnatrium......j 0.00085

Dubbelkoolzure Soda. 4.87319

„ Ammonia. ! 0.06606

Kalk 2.44790

„ Strontium. , 0.00069

Magnesia 0.97973

„ Uzeroxyd 0.02146

„ Mangaauoxyd 0.00029

Kiezelzuur............0.00900

Phosphorzuur.....j 0 00037

Kleiaarde.......■ 0.000^2

Barium, Rubidium, Caesium, i

Thallium en Organische gt; i Sporen.

stof.......j

Som van do vaste bestand- \'

deelen...... 14.75105

Vrij en halfvrij Koolzuur . 12380 C.-Cm.

Werkelijk vrij Koolzuur . . jlOGO „

Husemann 1872»)

Lucius Koude fJlauberzout-brou.

Wy

Zuivere staal-houdende zunrbron.

0.0113 0.0109

0.2147

0.0955

0.0052

1.7750

0.1280 0.0365

0.0017 0.0192 0.0002 0.0001

0.0570

1.4610

2.7393

0.5129 0.0455

Bonifacius Samengestelde staalhoud. zunrbron.

0.0185

von Planta 1859-)

0.0021

5.1444 1.9908 1945 (\'.-Cm. 1513 C.-Cm 1185 „ 1199 „

von Planta 1859)


\') Huseman, a a. O.

-) Dr. A. v. Planta-Rlichenau. (\'hem. outers, der Heilq. z. Schuls uud Tarasp. Chur 1859.

-ocr page 56-

1. De alkalisch-salinische of koude glauberzout bronneu.

Tot deze groep behooren vier bronnen, waarvan de „Ludu.squot; en de ,, Kmeritaquot; hoofdzakelijk gebruikt worde» voor de dri.itkkareu, terwijl de Lucius en de Einerita, gemengd met het water van de „Ursusquot; en de „Neue Badequellequot; voor de alkalische baden worden gebruikt.

De beide bronnen, genaamd Lucius en Emerita, zijn verreweg de belangrijkste en de rijkste van deze glau-berzoutwateren. De analyse van de Luciusbron is in de hierbijgevoegde tabel aangegeven. Husemann\') zegt, dat de vergelijking van de scheikundige samenstelling van de Emerita met die van de Luciusbron ten duidelijkste aantoont, dat deze beide bronnen niet anders zijn dan twee gesplitste uitmondingen van eene gemeenschappelijke ader. Hare scheikundige samenstelling is geheel identisch. Slechts met uitzondering van het vrije koolzuur, dat echter ook weinig minder aanwezig is in de Emeritabron, ligt het verschil in hoeveelheid voor ge-zamentlijke bestanddeelen binnen de grenzen van niet te vermijden fouten bij het onderzoek. Dat de gasont-wikkeling van de Luciusbron grooter is dan die van de Emerita, bewijst nog niets voor de hoeveelheid van het werkelijk geabsorbeerde koolzuur, maar toont slechts aan, dat van het in niet geabsorbeerden toestand in de ader aanwezige koolzuur, het grootste gedeelte door de Luciusbron te voorschijn komt. Vroeger werd de Luciusbron als de „grooterequot; en de Emerita als de „kleinerequot; betiteld; volgens de vergelijkingen van Husemann overtreft echter de Emerita in watertoevoerend vermogen

\') L)r Auü Husemann, Xeue chem Luiers der Heilquelleu vou Tarasp. Sep-Abdr. a. d. Neueu Jahrb. t\'. Pharuiacie lö73.

-ocr page 57-

53

de Lnciusbron, reden waarom bovengemelde benamingen niet meer worden gebezigd. De tempo\'nituur van deze beide bronnen (6.7° C.) on hot spec, gewicht (1.023) zijn identisch; aan vrij en balfvrij koolzuur bevat de Em^rita 1275,4 C.-cm.; aan werkelijk vrij slechts 541.7 C.-cm.

Wanneer wij de analyse van de Luciusbron nauwkeuriger nagaan, dan zien wij dat het voornaamste bestanddeel bestaat uit dubbelkoolzure soda, vervolgens uit keukenzout en glauberzout, en tevens ook uit aanmerkelijke hoeveelheden koolzure aarden. Volgens dein de nieuwere leerboeken over balneotherapie algemeen aangenomene classificatie behoort deze groep van Taras-perbronnen tot de alkalisch-salinische en w:el de koude glauberzouthoudende bronnen, of glauberzouthoudendc natron bevattende bronnen. Het volstrekt niet onbeduidende gehalte aan glauberzout treedt geenszins overal zoo op den voorgrond als bij de overige minerale wateren van deze klasse, omdat aan den eenen kant de hoeveelheid koolzure soda, gelijk is aan die van de sterkste eenvoudige natronhoudende wateren, en aan den anderen kant ook het gehalte aan keukenzout van de Lnciusbron grooter is dan eenig keukenzouthoudend water. Onmiddellijk springt de groote waarde van de Lucius- en van de Emeritabron op balneotherapeutisch gebied in liet oog, wanneer men haar vergelijkt zoowel met de beroemdste alkalisch-salinische bronnen van Europa, als met eene der hoofdrepresentanten van die beide mineraalwatergroepen (Vichy en Kissingen). Wij laten hier een zoodanige vergelijking volgen, die wij gerangschikt hebben volgens de hoogteligging van de ge-neesinrichting.

-ocr page 58-

54

lp 3

Op 1000 (irrlen |i-= s J

C.-cm. vry

Tarasp Schuls lüOO

U 7

2.1

i.!t

3.7

1060

(Luciusbron)

Mariënbad.. .

tl 50

10.2

.7

1.4

1.7

1127

(Ferdiuandsbron)

Elster......

8.3

5.:s

1.7

0.8

986

(Zoutbron)

Franzensbad

130

5.4

2.8

n.9

1.1

831

(Zoutbron)

Karlsbad ..

■ 300

0.3

2.4

1.8 :

1.0

(Sprudel)

Vichy........

| 230

7.9

o.2:

1.9

0.5

160

Ludwig. 187\'.)

(Grande Grille)

Kissingen . . 185 \',1.0 — — 5.S 1305(?)j Ijiebig. 1856 (R.ikoezy)

Uit deze tabel blijkt, dat de Luciusbron alle boven vermelde bronnen verre overtreft in vaste bestanddeelen, dat haar gehalte aan glauberzout, dat van de Carls-bader Sprudel nagenoeg evenaart, maar verre beneden dat van Elster en Mariinbad is. Zij bevat evenveel dnbbelkoolzure soda als de beroemde „Grande Grillequot; te Vichy, en hare hoeveelheid keukenzout lied raagt, nagenoeg twee derde van dat van Kassingen.

Onderzoekers eu

|i datum Viin do analyse.

1S71)

ilSG Flcchsiquot;. 1873

Kissingen en Mariënbad schijnen meer koolzuur te bezitten; dat is echter slechts schijnbaar het geval, want de voor Kissingen aangegeven hoeveelheid koolzuur (1805 O.-cm.) in do analyse van Liebig, heeft niet alleen betrekking op het vrije koolzuur, maar ook op het vrije en half gebondene koolzuur \'), waarvan de Luciusbron 2380 C.-cm bezit. Wanneer wij het bedrag

\') Dr. Ising, «l Hcilmittel d. Kurortes Kissingeu. 1879, p. 20.

-ocr page 59-

55

aan koolzuur, volgens de analysen van Husemann en Gintl, \') nemen, dan vinden wij voor:

Tarasp-Schnis -tö.809.

Mariënbad 4:2.40l.

In overeenstemming met dit grootere totaalgehalte aan koolzuur, is de hoeveelheid koolzure zouten in de Luciusbron grifeter dan in de overige bronnen. Van hot groote gehalte aan werkzame bestanddeelen der Lucius bron, werd reeds door de bekendste balneographen, Ósann en Vetter gewaagd en later werd liel door Lebert, Braun, Meijer-Ahrens, Ib\'lft\'t Grosma.nn (in bet handboek van Valentiner over balneotherapie) en anderen, vergeleken met overeenkomstige bronnen, verder bevestigd en de groote medische waarde van de Tarasp-Schulser glauberzout wateren ten zeerste aangeprezen. Wanneer wij ons nu bezighouden met het vermelden van de physiologische werking van deze bronnen, resp. van de bestanddeelen van elk in \'t bizonder, waarbij wij de studie van Leichtenstenr) volgen, dan kunnen wij deze vermelding nu reeds beperken tot de werkelijk in grootere hoeveelheid voorkomende en overwegende zouten, en daarentegen bestanddeelen dilt;- in geringere hoeveelheden of slechts in sporen aanwezig zijn voor ons doel geheel buiten spel laten. Wij kunnen daarbij ook gerust afzien van het gehalte aan ijzer, zelfs wanneer het aanmerkelijk meer bedroeg, omdat in een zoodanig samengesteld mineraalwater en bij zulk eene overwegende hoeveelheid aan andere meest afvoerende zouten van eenige ijzerwerking geen sprake meer kan zijn. Als meest op den voorgrond tredende en meest werkzame bestanddeelen blijven over: de dubbelkoolzuro

1) Kisch, Jarhbuch f. Balneol. IX. Jabrgang, 1870; pag. 93.

-) Leichtenslern. Allgm. Balneotherapie, Ziemssens Handb. d. Allg, Therapie II Bd. 1 Theil.

-ocr page 60-

56

soda, het keukenzout, liet glauberzout en de koolzure aarden van kalk en van magnesia. Juist deze stoffen zijn het, die, in verbinding met den grooten rijkdom aan koolzuurgas en met het water, het gemeenschappelijke oplossingsmiddel van alle zouten, de pharma-codynamische werking van deze geneeskrachtige bronnen samenstellen.

Het meest overwegende bestanddeel van alle minerale bronnen is natuurlijk het water, waarvan liet meer of minder verhoogde gebruik hot groote moment vormt van alle drinkkuren. Bij een water zoo sterk aan minerale bestanddeelen als dat van Tarasp-Öchuls, dat reeds meest na het drinken van 4 — 5 bekers eene tamelijk sterke afvoerende werking vertoont, zal van rijkelijk waterdrinken en daardoor verkregen geheele zuivering van het organisme en verhooging van diuresc geen sprakr kunnen zijn. Echter zal inen goed doen met in enkele gevallen, waar eene vermeerdering van galsecretie en daaraan beantwoordende vermindering van vaste galbe-standdeelen, beoogd wordt, of waar eene tijdelijke, zooveel mogelijk verhoogde doorspoeling van de piswerktuigen gewenscht wordt, zonder opname van groote inassas van dlt;\' diuretisch werkende zouten, door voldoende verdunning van de glauberzouthoudende wateren van Tarasp-Schuls, de opname van eene grootere hoeveelheid water mogelijk te maken, die, door het aanwezig zijn van steeds groote hoeveelheden kodlzuur, gemakkelijk wordt opgenomen.

Door de temperatuur van het water wordt op de uitwerking er van aanmerkelijk invloed uitgeoefend. De temperatuur van de Lucius- on van de Emeritabron bedraagt gemiddeld 6--6,5 quot;G.; zij behooren dus, met uitzondering van Öt. Moritz, tot de koudste voor drinkkuren gebezigde bronnen.

-ocr page 61-

Winternitz \'} constateerde na het drinken van 300 C-cm. water van 6° C. langzamer worden van den pols on spanning van de bloedvaten in den polscurve en trekt daaruit de gevolgtrekking, dat het koude water door reflex het vasomoturische centrum prikkelt, en daardoor uitgebreide vaatcontracties te weeg brengt. In Ta-rasp-Schuls leert de ondervinding, dat het grootste deel van de patiënten het drinken van deze bronnen op hare lage natuurlijke temperatuur niet kunnen verdragen, deels omdat bij velen de sterke prikkel van de koude de absorptie van het water in de maag nagenoeg vernietigt, deels omdat bij sommige, zècr gevoelige patiënten terstond onaangename gewaarwordingen in het hoofd of zelfs lichte duizelingen zich vertoonen, die slechts te verklaren zijn uit den eenigszins sterkeren, voorbijgaande reflexprikkel van het vasomotorische centrum, die aan hot rijke gehalte aan koolzuur maar niet aan den fabelachtigen, zoogenaamden bronroes toegeschreven worden.

Het koolzuur van het minerale water werkt in de maag als plaatselijken prikkel op het slijmvlies, de zenuwen en de spieren, en zet daardoor direct de peristaltische beweging er van aan. Volgens de onderzoekingen van Quincke wordt echter door den op het slijmvlies uitgeoefenden prikkel eene soort van hype-raemie er van te voorschijn gebracht, waardoor de opslorping van het water in de maag zeer wordt versneld. Oii deze wijze moet de bloedstroom, die voorbij de nieren gaat, tijdelijk in zijne hoeveelheid en in zijne snelheid worden vermeerderd, waardoor de verhoogde diurese duidelijk wordt. Ondanks het grootc gehalte aan koolzuur, dat onze bronnen bezit, komt zeker slechts

\') W. Winternitz, d. Hydrotherapie aut\' physiol. u. klin. Grundlage. IJ Bd. Wien, 1880, pag. 120.

-ocr page 62-

een klein gedeelte er van in het bloed. Het in het water aanwezige en aan de zouten gebondene gedeelte koolzuur wordt in de maag slechts langzaam vrij, en kan, afgezien van de groote hoeveelheid, die zich door oprispen enz. naar buiten ontlast, volgens de wetten dei-diffusie van gassen eerst dan in het bloed overgaan, wanneer de spanning van het in de maag aanwezige vrije koolzuurgas grooter is dan de druk van bet koolzuur in het bloed. Tiet binden van het koolzuui in liet bloed hangt, volgens Luntz1), hoofdzakelijk van de houding van de haeinoglobinaikalien af, die onder den invloed van hoogere spanning van het koolzuur, uit de bloedlicbaampjes in het plasma komen en van daar met den gefiltreerden stroom in het weefsel treden, terwijl op plaatsen, waar mindere spanning van koolzuur is, dus vooral in de longen, het omgekeerde plaats heeft. Reeds daardoor wordt de druk van het koolzuur in de weefsels steeds minder sterk gehouden; de grootste en zonder twijfel bijna volkomene afscheiding, waardoor het uit het minerale water opgenomene koolzuur, snel weder wordt verwijderd, geschiedt met de uitademings-lucht, eene werking, die bovendien, in het hooggelegene Tarasp-Schuls, gemakkelijk wordt gemaakt door de vermindering van den luchtdruk. Hieruit volgt, dat de rijkdom aan koolzuur van de glauberzouthoudende wateren en van de andere geneeskracht bezittende bronnen toch goen eenigermate belangrijke ophooping van koolzuur in het bloed ten gevolge hebben. Bij den zeer grooten rijkdom aan koolzuur, welke die glauberzout-bronnen bezitten, ligt er natuurlijk volstrekt geen nadeel in het verwarmen tot op eene verlangde temperatuur, waartoe de in de drinkhal aan weerszijden aangebrachte toestellen dienen.

\') Hermann\'s HandK d. Physiologic. IV Bd. 2 Thl. pag. 79.

-ocr page 63-

59

De dubbelkoolzure soda wordt door de zuren van het maagsap onder gewone toestanden in chloornatrium en in koolzuur gesplitst, bij abnormale gisting echter naar omstandigheden ook in melk-, boter- of azijnzure soda omgezet, waarbij het overtollige zuur van het maagsap neutraal wordt. Eene eventueele overmaat van dit zout wordt in het bloed opgenomen. Wanneer al de koolzure soda iti chloornatrium wordt omgezet , dan zelfs nog vermeerdert zich, volgens Leichtenstern\') tijdelijk de hoeveelheid soda van het bloed. De hoeveelheid soda die door de poortader in de lever komt, wordt daar misschien terstond voor de bereiding van de gal in beslag genomen, en wanneer zulks werkelijk zoo is, dan kan het aanleiding geven tot het duidelijk maken van den empirisch vaststaan den, maar nog niet opgehel-derden gunstlgen invloed van de sodabronnen op de verwijdering van galsteenen. Verhoogde galafscheiding kan echter slechts worden verkregen door werkelijk vermeerderd gebruik van water. Door de opname van soda laat zich het alkalisch worden van het bloed slechts tijdelijk vermeerderen, omdat de overmaat van alkali met de urine spoedig wordt verwijderd, waarin het de phosphorzure soda neutraal maakt of zelfs eene alkalische reactie te voorschijn roept. De plaatselijke inwerking van de koolzure soda bestaat, afgescheiden van de neutralisatie van het overtollige zuur, wanneer het in de nuchtere maag komt, in het oplossen van slijm, in verhoogde afscheiding van maagsap en in krachtige opwekking van peristaltische beweging. Haren invloed op de omzetting van eiwit in het lichaam, zullen wij straks tegelijk met het keukenzout behandelen , waarmee het in dit opzicht volkomen overeenkomst heeft, en

*) Leichtenstern, 1. c. pag;. 323.

-ocr page 64-

60

haar. oplossingsvermogen voor piszure zouten, tegelijk met de koolzure aarden.

Hot in de maag vertoevende keukenzout is vooreerst een krachtige prikkel voor het afscheiden van het maagsap en zet door reflex de peristaltische maagbeweging aan, waardoor zij het verder brengen van den maaginhoud bevordert. Verder begunstigt het de afscheiding van liet popsine uit de albumenbevattende hoofdcellen van de maag, en bevordert op deze wijze het opslorpen van de peptonen. Het keukenzout, beantwoordend aan zijn groot diffusievermogen, wordt voor het grootste gedeelte in de maag opgezogen, en daar het, volgens de nauwkeurige onderzoekingen van Voit\'), de snelheid van diffusie van den maagsap bevattenden stroom dooide weefsels, dus eene grootere hoeveelheid van het cir-culeerende eiwit aan de tot splitsen geschikte krachten van de cellen blootstelt, vermeerdert het in geringen graad de omzetting van eiwit, wat zich openbaart in eene toeneming van pisstofafscheiding door de urine. Om het zout uit het lichaam met de urine te kunnen afscheiden, heeft men water noodig; de vermeerderde afzondering van water door de urine vertoont zich echter ook zelfs bij spaarzame opname van water, daar het keukenzout de eigenschap heeft, dat het meer water in de urine op doet nemen.

Aan de zwavelzure soda, het glauberzout\', werd door Seegen een invloed op de stofwisseling toegeschreven, tegenovergesteld aan het zooeven aangehaalde. Zijne proeven komen echter niet overeen met de nauwkeurige onderzoekingen van Vuit \'1), die vond, dat een gift van 3 grammen glauberzout, na het verkrijgen van een evenwicht van stikstof, nauwelijks eenige verandering

1

Voit, 1. c. p. Ifil.

-ocr page 65-

01

iu de afscheiding van water in de urine te weeg brengt, en daarom ook geen invloed uitoefent op haar gehalte aan stikstof. Het valt echter niet te betwijfelen, dat bij grootere hoeveelheid, evenals door keukenzout, de omzetting van eiwit wordt verhoogd. In de maag worden tengevolge van liet geringe dilfusievennogen slechts kleine hoeveelheden glauberzout opgeslorpt, het overige komt in den darm en zet daar de peristaltische beweging aan.

De dubbelkoolzure aarden van kalk en magnesia worden door de zuren van de maag in zout en melkzure verbindingen omgezet, terwijl koolzuur vrij wordt. Zij werken daarom hoofdzakelijk de zuurvorming tegen. Wanneer meer van deze aarden in de maag worden gebracht, dan door haar gehalte aan zuur kan worden omgezet, dan gaat de rest onveranderd met de faeces weder weg. Daarbij werkt echter het magnesiurnzout eerder afvoerend, en ondersteunt daardoor de werking-van de reeds besproken zouten, terwijl de kalk meer samentrekkende en daardoor verstoppende eigenschappen bezit. Nieuwe scheikundige onderzoekingen, op aanraden van Prof. Ebstoin door E. Jahns\') gedaan, waarbij ook het oplossingsvermogen van de minerale wateren op piszuur werd onderzocht, toonen aan, „dat slechts de carbonaten en zoowel die der alkalieëu als der alkalische aarden, oorzaak zijn van de verhoogde oplosbaarheid van het piszuur in de minerale wateren.quot; Een buitengewoon aandeel aan deze eigenschap van de minerale wateren, om piszuur op te lossen, moet toegeschreven worden aan hun gehalte aan calcium- en magnesium-carbonaat, omdat, overeenkomend met het lage aequi-

\') E. Jahns, Löslichkeit d. llarusüare in Salzlösungen. Archiv. für Pliarinacie Bd. 227. Heft. 7. Juli 188*0. p. 511 u. ttquot;.

-ocr page 66-

tgt;2

valent gewicht van het magnesium en van het calcium, liet oplossingsvermogen van hunne carbonatei; dat van de natrium eu kalium carbonaten overtreft en slechts weinig achterstaat bij dat van het lithiumcarbonaat. Het is nog steeds geene uitgemaakte zaak of de zouten, die bij het scheikundig onderzoek bleken van invloed te zijn, ook wanneer ze in het organisme worden gebracht, dezelfde eigenschap vertoonen. De alkalisch-sa-linische bronnen zijn echter de meest gerenommeerde mineraalwateren tegen arthritis (Kisch), en ook Braun die overigens niet veel geloof hecht aan de geneeskrachtige werking van bronnen zegt, dat hoe zeldzaam ook de discrasie voor jicht genezen of slechts werkelijk verbeterd wordt, de beste en meest vertrouwbare resultaten door Mariënbad, ook vooral door Carlsbad en in den laatsten tijd door Ta,rasp worden verkregen. Ook heeft men in Tarasp onder de over elf jaren loopende waarnemingen, bizonder deze ziektegroep betreffende, en die betrekkelijk talrijk zijn, bij engelsche patiënten dikwijls geconstateerd, dat de jichtaanvallen klaarblijkelijk zeldzamer werden en zelfs in enkele gevallen jarenlang wegbleven.

Wij hebben nu de opsomming uitgeput van de uitwerking der bestanddeelen van de bronnen in het bizonder, en zullen verder trachten, een algemeen overzicht van de physiologische werking der verschillende zouten te geven. Uit het voorafgaande moeten wij nu opmaken, dat de therapeutische werkzaamheid van de Tarasp-Schulser glauberzoutbronnen zich in de volgende drie hoofdrichtingen beweegt:

1. Op liet chylopoëtiscii stelsel: do prikkel van het direct uit de bron gedronkene, koude mineraalwater, het keukenzout, de dubbelkoolzure soda en het glauber zout doen langs reflectorischen weg, door prikkeling

-ocr page 67-

van maag en dannzenuwen vermeerderde peristaltische beweging van maag en darmen ontstaan. Tevens bewerken de zouten, wanneer zij in eene nuchtere maag worden gebracht, oplossing van het slijmen verhoogen de secretie van het maag en darmsap. Op deze wijze wordt de inhoud van het darmkanaal meer vloeibaar, en door de vermeerderde peristaltische beweging wordt, zelfs bij verminderde reflectorische prikkelbaarheid, bij atonie van deze organen, voor meer snelle en meer volkomene ontlediging van het darmkanaal gezorgd. Hierdoor nu worden de oorzaken van de veneuse staseu weder verwijderd, de assimilatie wordt verbeterd,evenals ten slotte, hoewel langzaam, de voeding. De bicar-bonaten van natrium, calcium en magnesium binden bii hunne omzettingen in melk- of zoutzure verbindingen de vrije en overtollige zuren van de maag, en werken daardoor sterk de zuurvorming tegen. Omdat, volgens Heidenhain \')» de peristaltische bewegingen van de ingewanden, doordien zij het bloed uit de darmomhulsels in de aderen overbrengen, de drijfkracht van den bloedstroom van de poortader verhoogen, wordt daarmede weêr de begeleidster van den darmcatarrh, de veneuse hyperaemie van den darm, de gebrekkige beweging van het bloed uit de verwijde darmcapillairen en aderen in de poortader, en de plethorische stase verbeterd. Dank zij de gelijktijdige inwerking van de hierdoor geregelde bloedcirculatie in den onderbuik, en de regelmatige ontlasting van den darm worden ook de kwalen, die den chronischen darmcatarrh dikwijls meebrengen, zooals aambeien, hypochondrie, enz., verbeterd.

2. De diuretische werking van deze wateren is zeer

\') Heidenhain, in Hermann\'s Handb. d. Physiologie. V. Bd. 1. Theil. pag. iJ6U.

-ocr page 68-

04

duidelijk. Vooreerst bewerkt het aanzienlijke gehalte aan koolzuur eene snelle en overvloedige resörptie van het gedronkene mineraalwater, waardoor de bloedstroom tijdelijk sterk wordt vermeerderd en voor de e€irste uren de urinesecretie in de nieren in daaraan evenredige hoeveelheid wordt versterkt. Vervolgens werken alle met de minerale wateren opgenomene zouten, die, voor zoover zij voor het organisme overbodig zijn, daaruit weer met de urine moeten worden afgezonderd, in meerderen of minderen graad zoodanig, dat zij meer water in de urine brengen, de hoeveelheid urine wrmeerderen en op die wijze als diurectica inwerken.

3. In het bloed opgenomen verhoogen de alkalieën, nadat zij in de maag in melk- en zoutzure verbindingen zijn omgezet, voorbijgaand de alkalescentie van het bloed, en daardoor zijne diffusie in de weefsels van het lichaam. Het meer zoutrijke bloed zuigt uit het paren-chym, dat het doorstroomt meer vloeistof op, en brengt op deze wijze vermeerderde uitscheiding van water en verhoogde eiwitontleding tot stand, zoodat tijdelijk cene meerdere doorspoeling en uitlooging van het organisme plaats heeft, die, door sterk vermeerderd gebruik van verdund mineraalwater, aanmerkelijk wordt verhoogd en bij cholelithiasis en bij nephrolithiasis met voordeel kan worden aangewend.

Met de urine worden nu de uit de minerale wateren opgenomene en overtollige alkalieën weder afgezonderd en neutraliseeren hare zure phosphorzure soda, waardoor zij eene neutrale, resp. alkalische reactie veroorzaken. Deze tempert den prikkel op de slijmvliezen der urinewerktuigen door de zure urine te voorschijn geroepen, of doet dien prikkel verdwijnen, maakt de slijm meer vloeibaar en heeft op deze wijze eenen gun-stigen invloed up aanwezig zijnde catarrhen van

-ocr page 69-

65

het nierbekken, van do blaas en van de pisbuis.

De schematische opsomming van de hoofdwerking der gluuberzoutbronnen van Tarasp beantwoordt natuurlijk slechts in het algemeen aan het beeld van de in de praktijk voorkomende resultaten van haar gebruik volgens voorgeschrevene kuur; omdat, al naar gelang van de individueele benaming van ieder ziektegeval, en in het bizonder naarmate van de kleinere of grootere dosis, of van de bizondere aanwending eenigermate van elkaar afwijkende resultaten worden verkregen.

Geringe hoeveelheden (tot 2 bekers a 180 grammen) maken, wanneer zij koud worden genomen, door den prikkel van het rijkelijke gehalte aan koolzuur op het inaagslijmvlies, een nagenoeg volkomene resorptie in de maag mogelijk, waarmede dan ook de geringe hoeveelheden glauberzout (in 2 bekers bedraagt het slechts 0.7 gram) worden opgenomen. Bij deze hoeveelheden ontstaat natuurlijk geen hevig afvoerende werking, waarbij zich misschien ook do invloed van het keukenzout doet gelden, dat, door den toevoer van eenen meer tot assimilatie geschikten chijmus in het darmkanaal, minder stof voor de excrementen over laat. Wanneer hot mineraalwater, verwarmd, in niet snel op \'■Ikaar volgende en geringe hoeveelheden wordt gebruikt, dan ontstaat in den beginne, evenals in Carlsbad, verstopping, waarvan men partij kan trekken bij de aan chronische diarrhoea lijdenden, die in Tarasp dikwijls hulp komen zoeken. Wanneer men echter het bronwater in sterk verdunden vorm, met slechts kleine hoeveelheden vaste bestanddoelfii, gebruikt, dan ontstaat spoedig- eene sterk vermeerderde diurose, die echter in het verloop van den voormiddag weÉer ophoudt.

Bij gemiddelde hoeveelheden (8 tot 5 bekers), des morgens nuchter met tusschenpoozen van een kwartier

5

-ocr page 70-

66

■gedronken, bespeurt men spoedig de werking van het mineraalwater in de darmen, die zich openbaart door lichte trekkingen en knijpingen; de krachtig aangewakkerde peristaltische beweging schuift den inhoud van het darmkanaal dikwijls onder luide, rommelende geluiden voorwaarts, en in den loop van enkele uren na het gebruik van het water komen in den regel 1 — 2 brei-achtige ontlastingen te voorschijn, waarmee de werking van het water op deze wijze voor het overige van den dag is afgeloopen. Tevens doet zich in de latere voormiddaguren of in het verloop van den namiddag eene eenigermate vermeerderde diurese gelden.

Groote hoeveelheden (G tot 8 bekers) bewerken eene duidelijke purgeerende werking; spoedig na het drinken beginnend, herhaalt zich de ontlasting meermalen, in dunvloeibaren, dikwijls waterigen vorm; de intensive, peristaltische beweging drijft den geheelen inhoud van het darmkanaal snel er doorheen. Gelijktijdig worden ook de in het bovenste gedeelte van de darmen zich uitstortende gal, en de darmsappon, die door het pancreas en de darmklieren worden afgescheiden, niet meer geresorbeerd. Daar op deze wijze de albuminaten van het pancreasvocht en de zwavel- en staal verbindingen van de gal aan het lichaam worden onttrokken, ontstaat eene daaraan beantwoordendi\' verarming van het organisme aan deze en aan verdere bestanddeelen; zooals is aangetoond door Zülzer \') bij het gebruik van salinische laxeermiddelen , door de betrekkelijke vermindering in de urine aan phosphorzuur, zwavelzuur, magnesia en aan chloriden. Up deze wijze wordt de werking van het bronwater , bij het drinken van vrij groote

\') W. Ziilicr. üeber il. Einfloss d. salinischen Laxantia nuf d. Stoff-wechsel. Vortrag in d. Balneol. Section d. Geselschatt t Heilkunde am 25 Jan. 1879.

-ocr page 71-

hoeveelheden, zooals Immermann \') zich uitdrukt, die van eene „vermageringskuurquot;, dio geheel voldoende is om de békende goede resultaten van de Tarasper glau-berzoutbronnen bij de behandeling dor vetzucht (corpir lentie) te verklaren, wanneer men daarbij in aanmerking neemt de gelijktijdige inwerking van de hooge luchtstreek en van het strenge dieet.

Bij alle anaeinische patiënten, ook bij de met corpulentie gepaard gaande anaemie, en bij zwakke zieken mag men slechts geringe hoeveelheden (hoogstens drie bekers) voorschrijven; hij langdurig voortgezet gebruik van grootere hoeveelheden komt licht bij die patiënten gebrek aan eetlust, hartklopping, kleine pols, en tee-kviion van groote zwakte, dit\' aan oververzadiging van het bloed met aikalieën worden toegeschreven. Wij verklaren echter deze verschijnselen eensdeels uit eene te sterke binding van het slechts in geringe mate aanwezige vrije zuur in de maag van deze patiënten, anderdeels uit de zooeven aangehaalde, hoewel zachte toch aanhoudend gedurende de kuur inwerkende onttrekking van voedende bestanddeelen aan liet lichaam. In tegenstelling hiervan oefenen kleinere hoeveelheden, die slechts de spijsvertering regelen, de assimilatie verbeteren, en op deze wijze de voeding van het lichaam langzamerhand te gemoet komen, oenen versterkenden en toniseerenden invloed nit. Hieruit ziet men hoe streng men moet individualiseren bij het voorschrijven van de Tarasper glauberzoutbronnen.

II. De ijzkrhoudende zuürungen.

Van de talrijke in Tarasp-Schuls ontspringende mine-

\') Immemanii. Fettsucht iii v. Ziemson\'t Handb. d. spec. Pathol, u. Therapie. Hd. XUl. 2. Hillfte. Leipzig 1S7C p. 403,

-ocr page 72-

68

rale wateren van dezen aard worden er tot nu toe slechts vier geëxploiteerd en gebruikt. De analysen van de beide bronnen, die het rijkst zijn aanbestanddeelen, namelijk de Bonifacius- en de Wijbron, hebben wij op pag. 11 meegedeeld.

.fuist om de vrij iiooge ligging van de geneesiurich-ting verdienen de staalbronnen van Tarasp-Schuls de grootste opmerkzaamheid, omdat, onder de meer bekende en met voldoenden comfort ingerichte badplaatsen , Tarasp-Schuls na St. Moritz het hoogst gelegene punt is, dat staalbronnen bezit. Bij het bespreken van de klimatische verhoudingen hebben wij reeds op pag. 11 vermeld, dat de zachtere hooge luchtstreek van Tarasp-Schuls ook nog door zeer ansemische en hoogst nerveuse patiënten wordt verdragen, aan wie het sterk opwekkende verblijf in St. Moritz, dat aan het weerstandsvermogen groote eischen stelt, niet meer ten goede komt. De invloed van de hooge luchtstreek, die zich openbaart in het bevorderen der spijsvertering, het aanzetten der assimilatie, de verbetering van de bloed-vorming en het prikkelen van de zenuwfunctie, en op deze wijze de werking van deze brongroep ruimschoots ondersteunt, is van oneindig veel meer belang dan het zoo geringe verschil in ijzergehalte van de verschillende bronnen, zooals de hier volgende samenstelling van de zoogenaamde „samengestelde of gecompliceerdequot; staalbronnen aantoont, waaraan wij bovendien, om haar te vergelijken met de Bonifaciusbron, de verschillende gegevens voor de Wildunger Helenenbron toevoegen;

-ocr page 73-

69

g

2

;=.

g quot;3

Dubbelkoolzure

Naam van de

Ó S r3

c (-« —

Ö O 0

5 i

quot;P quot;

d

ei \'ai

lt;v

Minerale wateren.

tl. v -

ON

O cj lt;n

s s

11 tfl JZ

ö

O o *-

O

ei o ö

o

quot;S

i 55

Kalk

5)

a

D

^ X*

\' ©

St. Moritz

(Paraeclsusbron1)

1769

2.2

1282

0.3

0.2

1.3

0.2

0.039

Tarasp-Schuls

(Bonifaciusbron \'-)

1200

5.1

1185

0.3

1.5

2.7

0.5

0.045

(Wybron 2).

1200

2.0

1199

l.S

0.1

0.036

Mariënbad

(Rndoifsbron :l) .

650

3.2

0.1

0.1

1.0

0.1

0.057

Reinerz

(Lauwe bron4) .

556

2.6

1097

0.8

1.2

0.3

0.037

Cudowa

(Drinkbron s) .

387

2.7

1218

0.7

1.2

0.7

0.2

0.037

Wildungen

(Holencubron quot;) .

228

i.G

1351

0.8

1.3

1.4

0.019

Ontleding door: \') Husemann 1874. — -) Planta ]850. — :i) Gintl 1879. — 4) Drcnkmaun 1868. — 5) Dulles 1850. — \'•) Fresenius 1859.

Deze tafel toont aan, dat van do vermelde ijzerhoudende zuurlingen de Bonifaciusbron de grootste som aan vaste bestanddeelen bezit, evenals het grootste gehalte aan dubbelkoolzure zouten van natron, kalk en magnesia , en slechts minder ijzer gehalte heeft dan de Mariën-bader Rudolfsbron. Zij heeft met deze evenals met de gewoonlijk als „aardachtige zuurlingquot; aangeduide quot;Wil-dunger Helenenbron de grootste overeenkomst, zoowel in haar hoog gehalte aan vaste bestanddeelen als aan koolzure aarden; anderdeels komt de bron in Cudowa haar gehalte aan dubbelkoolzure soda nabij.

De Wijbron is, bij gemiddeld ijzergehalte, veel armer aan vaste bestanddeelen, waaronder de koolzure kalk weer de hoofdrol speelt. Zij komt dus de met den naam van zuivere ijzerzuurlingen bestempelden meer nabij.

Van de verdere staalwateren van Tarasp-Schuls wordt

-ocr page 74-

de Carolabron bijna uitsluitend voor staalbaden gebruikt. Volgens de analyse van Husemann in het jaar IS72 bevat zij op 1000 deelen, de koolzure zouten ;ils bicai\'-bonaten berekend, aan vaste bestanddeelen 1.0; aan dubbelkoolzure ijzeroxydul 0.019; het hallgebondeno en vrije koolzuur bedra:igt 1083 C.-cm.; het geheel vrije 892 C.-cm.

De Öotsasbron is te beschouwen als een „eenvoudige zuïirlingquot;, omdat op 1000 deelen slechts L.i vaste bestanddeelen voorkomen, waaronder 1.;) dubbelkoolzure kalk en 0.017 ijzeroxydul - bicarbonaat; daarenboven bevat zij een zeer hoog koolzuurgehalte (vrij en hallvrij: M4S C.-cm; werkelijk vrij koolzuur 1284 C.-cm.). Daarom wordt deze bron gebruikt als tafelwater, zoowel in Tarasp-Schuls, als in boven Kngadiu en verdere streken.

Ondanks den paradox klinkenden uitslag van het onderzoek van Schroff, volgens wien kleinere giften ijzer aan het bloed meer ijzer toevoegen dan grootere, en ondanks de mogelijkheid, dat in ziekelijke toestanden meer ijzer in het lichaam wordt teruggehouden dan onder nuriual\'• verhoudingen, ligt het voor de hand dat men de niet meer te bestrijden uitwerking der drinken badkuren van de zoogenaamde staalbronnen moet terugbrongen tot andere, van veel meer gewiciit zijnde, factoren in deze kuren dan de specifieke inwerking van di\' hoeveelheid ijzer, die ook in het water, dat hei meeste staal bevat, zelfs bij de grootste gift per dag van 1 liter, slechts 81 centigrammen bedraagt. Reeds de invloed door de wisseling van de luchtstreek teweeggebracht bij bloedarme zieken , die uit de lageie streken zich naar Tarasp-Schuls begeven, zal men bij de ontstane verbeterde bloedvorminc; meer in rekeninii moeten brengen, dan het ijzergehalte der minerale wateren.

De Bonifaciusbron kan in allen gevalle geene bizon-

-ocr page 75-

71

dere belangrijke werking van het ijzer te weeg brengen, omdat die tegenover de veel grootere hoeveelheid aan andere zouten, niet in aanmerking kan komen.

Het hoofdbestanddeel vormt de koolzure kalk, over wier werking de. meeningen nog zeer uiteenloopen. Rohden doet uitkomen, dat twee staalbronnen met uitgemaakt gunstige werking op een achteruitgegaan organisme, namelijk Driburg en Pyrmont, hooge procenten aan kalk (kool- en zwavelzure) bezitten, en dat men niet minder recht zou hebben, aan dit hooge kalkge-halte die werking toe te schrijven dan aan het betrek-keliik veel lagere gehalte aan ijzer.

Het gehalte aan dubbelkoolzure soda van deze minerale wateren overtreft dat van vele soda bevattende wateren en ook de dubbelkoolzure magnesia is in tamelijk groote hoeveelheid aanwezig. De in Tarasp-Schuls door de ervaring getoetste werkzaamheid van de Boni-faciusbron bij chronische nephritis, chronische cystitis en bij steenvormingen stemt volkomen overeen met de indication van de uit analoge bestanddeelen samengestelde bronnen, als de Mariënbader Rudolfs- en de Wil-dunger Helenenbron.

De meer bij zuivere amemische toestanden, bij chlo-rose enz. in aanmerking komende Wijbron heeft zonder twijfel hare resultaten bij dit lijden wel hoofdzakelijk te danken aan den invloed van haren rijkdom aan koolzuur, die zich reeds openbaart door haar sterk opborre-lenden sprudel, evenals die der meest met haar tegelijk gebruikt wordende koolzuurrijke baden.

C. De Baden.

De beschrijving van de beide badinrichtingen in het herstellingsoord Tarasp en in Schuls, evenals van de

-ocr page 76-

Lainoo-technische inrichtingen, reeds op pag. 2 en 11 gegeven hebbende, rest ons liier nog slechts eenekorte vermelding van de werking der baden. In het algemeen zullen wij de beschrijving van Leichteiistern \') volgen, zonder op de uiteeiiloopende Inzichten van anderen in te gaan. Hierbij maken wij\' slechts melding van hetgeen in onmiddellijke betrekking staat tot de baden van Ïarasp-Schuls.

Noch liet zoutgehalte van onze door de glauberzoutc bronnen gevoed wordende, zoogenaamde „alkalischr badenquot;, noch het staalgehaltè van onze staalbaden oefenen eene specifieke zout- of ijzerwerking uit op liet or ganisme, omdat er geen sprake kan zijn van eenige belangrijke opname van deze stoften uit het water in het lichaam. Daarentegen geven zoowel de minerale besta nddeelen als ook bet koolzuurgehalte van de baden, door inwerking op de periphere zenuwen van de huid. een zwakke huidprikkel, die bij de zouten, in verhouding tot do geringe concentratie van de in Tarasp-Schuls voor gebruik geschikte badwateren, geringer is, maar daarentegen bij het belangrijke en door bizondere doelmatige inrichtingen ook in de baden zooveel mogelijk tegengehoudou koolzuurgehalte, veel sterker werkt.

Het is mogelijk dat deze op de huidzenuwen uitgeoefende1 prikkel door reflex ook op een lijneren gang van de stofwisseling invloed uitoefent, door in te werken op de afscheidingen, circulatie, beweging van den lyinphstroom, enz.

Men gebruikt voor de „alkalische badenquot; do in de onmiddellijke nabijheid van de goneosinrichting Tarasp ontspringende glauberzoutbronnen „l\'rsusquot; fop KKJOdeelen 11.9 aan vaste besta nddeelen en 1283 C.-cm. aan werkelijk vrij koolzuur) en „Neue Badequellequot; (4.9 aan vaste

\') Leichtensteru, I. c. pag. 225 u. ff.

-ocr page 77-

bestanddeelen, öi2 C.-cm. werkelijk vrij koolzuur) en tevens de daar naar toe gelelde Lucius- en Emeritabronuen. De „staalbadenquot; van de geneesinrichting Tarasp worden voorzien door de Oarolabron (1.0 aan vaste bestanddeelen, 802 C.-cm. aan werkelijk vrij koolzuur), en de alleen in Sclmls aanwezige .staalbaden door de Wijbron (2.0 vaste bestanddeelen, 1199 C.-cm. werkelijk vrij koolzuur).

De dagelijksche ervaring leert in Tarasp-Schuls, dat de staalbaden veel opwekkender werken dan de zout-baden, wat zonder twijfel moet worden toegeschreven aan de veel krachtigere inwerking van het koolzuur in de staalbaden, maar ook in hooge mate afhankelijk is van haar verschil in temperatuur, omdat de staalbaden gewoonlijk veel koeler (30° —22° C), de zoutbaden daarentegen meer lauwwarm (35° — 30°) worden voorgeschreven. Het is aan den sterkeren prikkel van het koolzuur in de koele staalbaden toe te schrijven, dat men ondanks de lage temperatuur geene koude rillingen krijgt. Zoolang de eigenwarmte van het lichaam onveranderd blijft, zooals het geval is in baden van deze temperatuur en van dezen duur, wordt volgens Wit \') dooiden opwekkenden invloed van de koude op de gevoels-zenuwen van de huid, door reflex, eene verhoogde omzetting van vet of van stikstofvrlje lichamen bewerkt, terwijl de eiwitomzetting, dus ook de pisstofuitscheiding niet veranderd is.

liij het. ingaan in het koele bad ontstaat door den schrik, dien de koude te weeg brengt, eene diepe inademing terwijl gedurende een oogenblik de ademhaling stilstaat, waarop meestal eene diepere en een weinig versnelde ademhaling volgt.

De mechanische werking van het bad door het ge-

1) Wit, 1. c. pag. 218.

-ocr page 78-

74

wicht, het contact en de adhoesie van het water is als huidprikkel slechts van ondergeschikt belang, vergeleken bij dt; analoge werking aan den eenen kant van de temiieratuur, aan den anderen kant van het gas- en zoutgehalte.

Na de baden, de lauwwarme zoowel als de koele, heeft naarmate van de uitwendige verhoudingen, als kleeding, temperatuur, luchtbeweging, watergehalte der atmosfeer, enz. een meerder of minder verlies aan warmte plaats, door verdamping van liet op de huid achtergebleven water, die door de liooge ligging van de streek eeue grootere, reap, krachtigere moet zijn, omdat eensdeels de verminderde luchtdruk , anderdeels de in den badtijd (voormiddaguren) reeds geringere betrekkelijke vochtigheid van de atmosfeer de verdamping begunstigen.

Behalve de tot nu toe besprokene volle baden, brengt men in Tarasp-Schuls ook nog andere vormen van baden in praktijk, als de meer voor plaatselijke aandoeningen noodzakelijke zitbaden, het rnenigvuldigst echter de vochtige afwrij vingen en de verschillende vormen van douches, die door inwerking van den prikkel eener aanhoudende kunde veel ingrijpender werken. Door eenen geoefenden masseur en eene masseuse wordt ook zoo noodig voor de aanwending van do Zweedsche heilgymnastiek en van massage zorg gedragen, onder toezicht van een arts.

Uit de opgesomde physiologische werkingen van de baden volgen de indlcatiën en de contra-indicatiën. Terwijl het koele bad door sterkere prikkeling eene aanzetting van de meeste organische functiën te weeg brengt, geeft het warme bad het zelfde therapeutische resultaat door vergemakkelijking van de function langs zuiver physischen weg. Het kiezen van de gevallen,

-ocr page 79-

75

geschikt voor zeer koele, en voor koude baden doet dus eene bepaalde integriteit veronderstellen van de levens-functiën, terwijl bij hen, die men moet ontzien, omdat de individueele warmteproductie te zeer vermindeid is um voldoende liet evenwicht te kunnen herstellen voor de onttrokken warmte, men hoogstens de matig koele badtemperaturen heeft voor te schrijven. Bij ple-thorische zwaarlijvigheid daarentegen heeft men zoo veel mogelijk koele baden voor te schrijven, van eenigszius langereu duur, om de omzetting van het vet te ver-hoogen.

Uit het bovenstaande over de werking van de baden kan men voldoende opmaken, dat bij het voorschrijven van de temperaturen, waarop de baden moeten worden genomen, evenals van den duur van liet bad, zorgvuldig rekening moet worden gehouden met de constitutie, met den toestand van de krachten, met de reactie op den prikkel, door de koude teweeg gebracht, die men individueel bij lederen zieke in \'t bizonder zal te ver-wacliten hebben, enz.

D. Het diëet.

Met het oog op de waterkuur, waartoe eene gedurende verscheidene weken ongestoorde opname van het voorgeschreven mineraalwater dienstig is, komt alles er op aan, dat men gedurende dien tijd alle stoornissen in de spijsvertering zoo veel doenlijk vermijdt. Evenals in de meeste badplaatsen, zoo ook zijn in Tarasp-Öchuls bij het kuurreglement algemeene, dieëcetische voorschriften , waarin eensdeels de gedurende de kuur geoorloofde, anderdeels de niet geooiioolde spijzen en dranken worden opgesomd.

Het is zeker duidelijk, dat dezelfde tafel onmogelijk

-ocr page 80-

70

geschikt kan zijn voor corpulente bonvivants en voor zwakke bloedanne patiënten, voor maagzieken, voor leverlijcleudeii, voor jicht en voor veelvuldige andere zieken die hulp in onze geneeainrichting komen zoeken, Wij kunnen volstaan met het gezegde van linmermann\') dat „alles saam genomen, het den corpulenten kuur-gast zeer zeker goed zal gaan, met liet oog op den verlangden goeden uitslag van zijne kuur, wanneer liij streng de reeds van ouds bekende dieëtetische regelen volgt, en dat de streng binnen do grenzen van het kuurreglement gehouden spijslijst van het badhotel menigen kuurgast tot ongewone matigheid zal brengen, die te huis moeielijk zijne zwakheden geheel heeft kunnen afschudden, ol\' behoorlijk in toom weten te houden.quot; Hoe langer hoe meer komen wij tot de slotsom, dat gunstige resultaten, die werkelijk van duur zijn, in de meeste gevallen slechts dan worden verkregen, wanneer een bizonder diëet wordt gehouden, overeenkomende met de individuele verhouding van ieder ziektegeval.

Het voor eene zoodanige geneesinrichting alleen geschikte „a la carte-stelselquot; heeft men nu in het badhuis Tarasp begonnen door het oprichten van eene alleen voor dat doel dienende restauratie.

Juist bij de meeste ziekten van de spijsverteringswerktuigen , die in Tarasp-Schuls het grootste aantal vormen, maakt de voldoende en nauwkeurige regeling van het diëet de gewichtigste voorwaarde uit, om nor-male verhoudingen te doen terugkeeren. Bij chronische maagcatarrh, die met zwakte van de spijsvertering gepaard gaat, moet men dikwijls door grondig onderzoek gedurende de eerste dagen van de kuur, de toevoer van

\') linmermann, Keltsncht, in v. Ziemmen\'s Handh, d. Spcc. 1\'ath, u. Themp, XIII lid., 2 Halftc. Lcii«i(j 1876. pag. -tO-t.

-ocr page 81-

71

de noodige hoeveelheid voedsel te weten komen, en daarna over verscheidene kleinere maaltijden verdeelen. Ook moet men het rijkelijk gebruik van koud water gedurende de spijsvertering verbieden. Bij maagzweer, evenals bij zware vormen van maagcatarrh, moet men dadelijk beginnen met liet voorschrijven van het voor ieder geval bizonder passend dieet, al naarmate van tie intensiteit der stoornissen in de spijsvertering, de gevoeligheid van het slijmvlies van de maag, enz. en wel volgens den grondslag van de vier voor maagzieken, door Prof. Leube\') aanbevolene voedingsvormen.

Bij de chronische dyspepsie moet men het gebruik van vet en koolhydraten, die door abnormale gistingsprocessen gemakkelijk tot vernieuwde voedingsstoornissen aanleiding kunnen geven, zooveel mogelijk beperken ; bij met ansemie of chlorose gepaard gaande slechte spijsvertering, moet men, mot het oog op de eigenlijke kwaal zooveel mogelijk eene eiwitrijke voeding uitkiezen , in voldoende keuze en doeltreffende bereiding. Daarentegen moet men bij „atonische zwakte van de spijsverteringsorganenquot; evenals bij de „nerveuse dyspepsiequot; voor eene bepaalde afwisseling in de keuze van spijzen zorg dragen. Voor liet dieëtetisch behandelen van /.waarlijvigheid is slechts voor den pletliorischen vorm het door Prof. Ebstein\') voorgeschreven dieet geschikt. Voor zwaarlijvigheid, gepaard met anaemie, voor vetvorming om en aan het hart, en voor circulatie-stoornissen , — echter alleen in gevallen die goed geïndividualiseerd zijn en niet in die ruime algemeene opvatting, zooals de tegenwoordige mode meebrengt — heeft men de methode toe te passen die door Prof. Oer-

\') Leube, Beitrajre ■/.. Ther. il- Mage.nkraiik. Zcitschr I\'. Klin Med. VI. 3.

\') Ebstein. Die Fettleib. (Corpulenz) imd ihre Behaudlung nach Physiol. Grundsiitzeu 3 Auti. Wiesbaden. 188,^.

-ocr page 82-

78

tel\') wordt aanbevolen, en die, eensdeels door sterke reductie van het gebruiken van vloeistoffen, anderdeels door het bergbeklimmen, waartoe in onze bergstreek zoo ruimschoots gelegenheid bestaat, zooveel mogelijk het evenwicht van de aanwezige stoornissen, weêr herstelt.

III.

DE AANWIJZINGEN, VOOR WELKE ZIEKTEN HET HEESTELL1NUÖO»)RD TARASP-SCHULö lt;iES(TUKT OF NIET GESCHIKT lö.

Alhoewel uit het hierboven vermelde bij de physio-logisdie werking van de verschillende kuurmlddelen ook hunne therapeutische waarde voor iederen arts gemakkelijk is op te maken, zullen wij toch nog in het kort de gewichtigste indlcatiën voor onze geneesinrichting samenvatten, zooals ons empirisch door veeljarige waarneming is gebleken. Onder de o[igesomde, bizonder geneeskrachtige waarden is \'net hooldgewirht, ook met het oog op de indicatiën. te hechten aan liet Alpm-klimaat. Daar, waar liet klimaat van Tarasp-Öchiüs te-geuaangewezea is. kan men natuurlijk ook geene proef nemen met eene kuur van glauberzout bevattend of staalwater. Als zoodanig moeten over het algemeen voor gecuiitraïndiceerd worden gehouden alle gevallen van vergevorderde zwakte, waarbij het voldoend weerstandsvermogen voor de inwerking van de hoogelucht-streek van onze berden, niet aanwezig is. Aan den an-

I) Oertel, Manilli der Allï. Therapie d Kreislaul\'stüningen , v. Ziems-aeu\'? lUmlli d Allg Therapie, IV Bd Lripzig 188-t.

-ocr page 83-

79

deren kant worden voornamelijk die kuren met gunstig gevolg bekroond, waarin de werking van het klimaat met die van de eene of de andere bronnengroep samenvalt of op een bizonder uitkomend ziekte-symptoom eenen gunstigen invloed uitoefent.

Terwijl wij op het vroeger gezegde wijzen, betreffende de werking van het klimaat (pag. 32 en 44), kunnen wij hier in het kort als de volgende ziektetoestanden opsommen, waarin de gelukkige combinatie der hooge ligging van Tarasp-Schuls, met het gelijktijdig gebruik van de eene of de andere bronsoort of van beide gecombineerd, volgens onze ervaring bizonder werkzaam zijn;

a) nerveuse stoornissen, en zoogenaamde „nerveus-neidquot;, die bij veelvuldige ziekten als sterk uitkomende complicatie optreden;

b) zwakte in de functiën der spijsvertering en stasen in de circulatie van het poort-aderstelsel en in het on derlijf;

c) algemeene voedingsstoornissen, namelijk chloroseen ansemie; anfemische zwaarlijvigheid, anamiische toestanden, na langdurig oponthoud in tropische gewesten en bij zwaktetoestanden , door chronische malaria infectie in vochtige lage streken veroorzaakt.

Het gecombineerde gebruik van het glauberzoutwater en van d^ staalbronnen wordt met gunstig*- resultaten aangewend bij gevallen van vetvorrning van het hart, van anamiische zwaarlijvigheid en vooral daar. waar verzwakkende inwerking van de glauberzoutbronnen moet worden vermeden: vervolgens bii dien vorm van chlorose, die gecompliceerd is met aanhoudende ronsti-patie, bij dyspepsie van ansemische zieken, enz.

Deze zoo gunstige in Tarasp-Schuls aanwezige combinatie van alpenklimaat, glauberzoutbronnen en ijzer-

-ocr page 84-

so

zuurlingon geeft verder zeer dikwijls aan geheele fami-liün de gelegenheid om te samen op dezelfde badplaats te kunnen profltwron van de klimatische of balneothe-rapeutische kuron, die elk lid in het bizonder mocht noodig hebben.

De combinatie van de verschillende geneesmiddelen met bet gunstige Alpenklimaat maken Tarasp-Schuls ook zeer geschikt:

a) tot vóórkuren vóór het gebruik van de ijzerzuur-lingen van St. Moritz, ot\' in bet algemeen voordelucht-kuren in bovenEngadin;

b) tot nakuren, daar. waar na voorafgaand gebruik van verschillende soorten minerale wateren, het genot van de Alpenlucht is aangewezen, verbonden met eene versterkende staalkuur of een matig gebruik van de glauberzoutbronnen, ter voortzetting van kuren in Carlsbad, Mariënbad, Vichy, Kissingen en andere plaatsen.

Indicatiën.

A. Ziekten van het chylopoetiscli stelsel;

1. De chronische maagcalarrhover wdker balneo-therapeutische behandeling Leube\') het volgende aanstipt: „d\'■ ontlasting naar den darm wordt l:et best bereikt door het gebruik van alkalisch-saliniscbe minerale wateren, waarvan het gehalte aan glauberzout voor die werking het meest in aanmerking komt. Zeer gezocht zijn hiervoor de bronnen van Carlsbad, Mariënbad, Ta-rasp. De bronnen van \'ftirasp zijn hoofdzakelijk geschikt, om het groote gehalte aan koolzure zouten, vooral aan koolzure kalk, voor die gevallen waarin sterke tlatu-

\') Leube, 1. c. pag. 277.

-ocr page 85-

81

lentie aanwezig is. Deze Specifieke werking van de Tamper bronnen bij zulke patiënten is toe te schrijven aan den groeten rijkdom aan bovengenoemde zouten. Deze zouten nu kunnen in gevallen, waarin zeer sterke gisting met ontwikkeling van veel gas en zuren plaats heeft, deze neutraliseren en den op die wijze veranderden en verbeterden inhoud kan de intestinaal tractus uit het lichaam verwijderen, voor dat eene nieuwe noemenswaarde gisting heeft plaats gegrepen. De aanwending van do natuurlijke glauberzouthoudende sodabron-nen heeft op het gebruik van het enkele glauberzout dit voor, dat tegelijk met de werking van het glauberzout andere (natron) zouten hot zieke maagslijmvlies treffen, wier gunstig werkende invloed op het slijmvlies door overvloedige ondervinding bevestigd is.

Dc chronische maagzweer, ulcus vontriculi simplex, kan slechts met voorbehoud als indicatie voor onze streek worden aangemerkt. Leube\') zegt met recht, dat „de Para,sper bronnen door het hooge gehalte aan vrij koolzuur ou chloornatrium gemakkelijker tot bloeding schijnen aanleiding te geven, dan andere in dezelfde categorie vallende minerale bronnen.quot; Door zooveel mogelijk het koolzuur te doen ontsnappen en voldoende het water te verwarmen, kan men deze gebruiken vermijden.

o. Maagkramp, gastralgie, is iher meest als een symptoom van jicht of chlorose aanwezig, en hare behandeling komt overeen met die van het grondlijden.

4. Chronische darmcatarrh, enteritis chronica. Evenals in vele gevallen van chronische maagcatarrh, volgens Leube -) een bronnenkuur het ziek*! maair.-iijm-\\ lies het zekerst en op de meest voldoende wijze ver-

\') Leube, .Magen iinil Darm, in v. Zien.ssens Hanilb. d. Snee Path und Iherap. \\ II iid.. i Halite. Leipzig, 187(gt;, pag. 71.

-) Leube, 1. e. pag. 1! 0.

-ocr page 86-

82

andert en tut den normalen toestand terugbrengt, zoo doet zo dit ook bij de danncatarrh. Over liet algemeen werken ook hierbij de alkalische bronnen zeer nuttig, vooral de alkalisch-salinische: Tarasp, Carlsbad, Rohitsch, enz., wier werking tegen de zoo dikwijls met danncatarrh gepaard gaande Stauungen in het poortaderstelsel, vetlever enz., van bekend groot nut is. Tegen chronische diarrhoeën is het gebruik van kleine en verwarmde hoeveelheden glauberzoutwater, of tegen profuse ontlastingen de kalkrijke Bonifaciusbron zeer werkzaam. Bij de zich dikwijls bij danncatarrh vertoonende nerveusheid en hypochondrie komt het Alpenklimaat in de eerste plaats in aanmerking. Voor het meerendeel ontstaan door chronische danncatarrh, zijn de symptomatische ziektebeelden van de habitule obstipatie, de plethora abdominalis, en van het hcemorrhou]aallijden in Tarasp-Schuls sterk vertegenwoordigd, omdat onzeglau-berzoutwateren bij hun grooten rijkdom aan zoodanige zouten, die de peristaltische beweging van maag en darmen sterk aanzetten (dubbel koolzure soda, keukenzout en glauberzout), uitstekende en blijvende gevolgen bewerken, terwijl voor de magere hEemorrhoïdaallijden-den zwakke staal- of gecombineerde kuren, tegelijk met de opwekkende Alpenlucht, de hierbij aangewezene momenten aanbieden, die de voeding bevorderen.

5. Lever hyper (tmic. en wel in de eerste plaats de levercongestie, ontstaan door slecht dieet, door prikkelende ingesta, of tragen stoelgang, zoo ook de leverzwelling na intermittens, vervolgens de stauungshypene mie , het gevolg van ziekten van het hart of van de ademhalingswerktuigen.

G. Bij de levercirrhose, hepatitis interstitialis, zijn de Tarasp-Öchulser bronkuren slechts in de eerste stadiën aangewezen.

-ocr page 87-

83

7. Veilever, hepar adiposum, waarvan de balneo-the-rapeutische behandeling dezelfde ia als die van de vetzucht.

8. Calarrhale ontsteking der gakvegen. icterus catarr-halis, wanneer bij tangen duur hiervan diepere stoornissen in de lever dreigen te ontstaan.

9. Galsteenen, cholelithiasis. Hierbij doen onze alka-lisch-salinische bronnen, die het gehalte aan dubbel-koolzuur van het Vichyvvater met ongeveer dat aan glauberzout van Carlsbad in zich vereoriigen, groote diensten, daar dikwijls na twee kuren, in enkele gevallen na slechts eene kuur, voor verscheidene jaren geene recidieven plaats hebben.

10 Chronische milttumoren als gevolg van langdurige intermittens nemen dikwijls zeer spoedig af onder het gebruik van het glauberzoutwater en de ijzerzunrlingen, waarbij echter niet het minst de inwerking vati het Alpenklimaat in rekening is te brengen.

B. Algemeene voedingsstoornissen,

11. Vetzucht, corpulentie. Het aantal kuurgasten voor deze categorie neemt van jaar tot jaar toe. Hierover uit zich Immermann\') als volgt;

„In Tarasp vindt men beide soorten van geneeskrachtige bronnen vereenigd, waaruit men naar wensch eene keuze kan doen voor do beide voornaa mste typen van die ziekte, omdat een deel van dat water behoort tot de eenvoudige, alkalisch-salinische bronnen, een ander deel tot de alkalisch-salinische staal wateren. De Taras-per Luciusbron vertegenwoordigt namelijk de eerste, de Bonifaciusbron de tweede type.quot;

3) Immcrmaan, Kettsncht, in v. Ziemsyen\'s Handbuch d. Spec Path, u. 1 herap Bd. X1TT, 2 Halfte. Leipzig I87fi. pas. 406.

-ocr page 88-

84

12. De anaemic wordt in Tarasp-Sclmls met succes bestreden door het gelukkige samengaan van twee werkzame geneesmiddelen, namelijk de Alpenludit en liet s taaiwater.

13. De chlorose, wanneer eene naknur -noodzakelijk is, na eene te huis ondergaiw* behandeling met eene groote hoeveelheid staalpraeparaten, om voor recidiven te vrijwaren, of om andere complkatiën weg te nemen.

14. De scruphnlose ni.\'emt van oudsher eene plaatsin onder de indieatiid voor onze\' streken. i3ij serophuleuse klicraandoeningen wordt de wi-rking van de Lueiusbron zeer geprezen. Wij memen echter in dit geval de gunstige wi-rking liet meest aan de hooge ligging van Ta-rasii-SchuIs te moeten toeschrijven.

15. Bij diabeUiri mellitus verkreeg reeds Prot. Dlttrlch\') bij twee in het hospitaal behandelde zieken gunstige resuliaten met de Lueiusbron. Ook Braim zegt: bij den aard van de bri.\'imeii komt hier nog de eminent hooge ligging van de plaats en haar gelijkmatig en mild klimaat, en om deze laatste reden vinden wij het zeer wenschelijk om te onderzoeken hoe de diabetici het maken in Ta-rasp en bij het gebruik van de daar aanwezige bronnen.quot;

C Ziekten van de bewegingsorg^nen.

It). Bi] jicht zijn in Tarasp-Sehuls menigvuldige ge-niesmiddelen aanwezig om tie ziekten van de spijsver-tei im;-.sorganen en de veneus\'.- stauungen, om groote vetafzetting, enz., te bestrijden, zoo ook bloedarmoede en zwakte, terwijl het Alpenklimaat op buitengewone manier bijdraagt, om de voeding en de krachten te

\') Dittrirh, Der Kurort Taraap-Schuls im Unterenjiadin, bliitt f. Heüwisscuschiift, 1\'. No. 18. 1871.

-ocr page 89-

85

verbeteren. Over het oplossingsvermogen van de bronnen voor piszuur, vergelijke men de aanhalingen en de tabel op bladz. 56 en volgende.

17. Chronische rheumatische gewrichtsontsteking , zoo ook chronisch spierrheumatismus.

D. Ziekten van de vrouwelijke

geslachtsorganen.

18. Chronische metritis en endometritis in verouderde gevallen en als nakuur na, de plaatselijke behandeling.

19. Bij afwijkingen in de menstruatie, zoo ook bij het lijden in het Mimakterium zijn de glauberzoutbronnen aangewezen, wanneer stoornissen in de spijsvertering, aanhoudende obstipatie. zwaarlij vigheid, plethora abdo-minalis te bestrijden zijn; bij duidelijke chlorose en ansemie zijn in deze ziektetoestanden de staal wateren van nut.

E. Ziekten van het zennwstelsel.

Hierbij komt Tarasp-Schuls zeer in aanmerking, door zijne hooge ligging voor klimaatkuren zeer geschikt. Het gebruik van de bronnen is aangewezen:

20. bij algemeene dispositie tot neuropathie, bij neurasthenie en spinaalirritatie; wanneer anasmie op den voorgrond treedt, het uit- en inwendig gebruik van de staalbronnen.

21. in de rij van de algemeene neurosen heeft de hypochondrie, wanneer tevens eene darmcatarrh er oorzaak van is, behoefte aan de glauberzoutbronnen, daarentegen de anfemische vorm, zoo ook de hysterie aan het staalwater.

22. bij neuralgieën, wanneer zij op abdominaalple-

-ocr page 90-

86

thora, op stoornissen in de spijsvertering, op jicht dia-these berusten, zijn de glauberzouthoudende wateren geïndiceerd; bij die welke, zooals meest het geval is, op aneemischen bodem berusten, de staalbronnen. Bii zuiver neuralgische vormen van ischias, van aangezichts-pijn m/.. zijn de alkalisch-salinische wateren gecontra-ïndiceerd.

F. Ziekten van de ademhaliogswerktuigen.

23. Bij Chronische cat ar r hen van het ademhalingsslijm-ilies werden de alkalisch-salinische bronnen, die rijk zijn aan soda en keukenzout, van oudsher met recht als zeer doelmatig beschouwd: hierbii komen nog de gunstige verhoudingen van de luchtstreek. Deze bronnen blijken zeer goede resultaten op te leveren bij bron-chiaalcatarrhen van weldoorvoede, zwaarlijvige en te goed levende individuen, terwijl bij ansemie staalbronnen worden aangewend.

2-i. Om oude pleuritische exsudaten tot oplossing te brengen is een lang verblijf in Tarasp-Schuls, gepaard met matige drinkkuur, van groot nut.

25. Bij chronisch emphyseem der longen is het klimaat van Tarasp-Schuls zeer geschikt.

GK Ziekten van de piswerktuigen.

2\'\'.. Bij Chronische blaascatarrh met profuse slijmse-cretie is het gebruik van de Bonifaciusbron, die van gelijke samenstelling is als de Wildunger Helenenbron , ons steeds van groot nut geweest; bij gelijktijdige abdominaal plethora het gebruik van onze alkalisch-salinische bronnen.

27. Nephrolithiasis, kan in Tarasp-Schuls slechts worden behandeld, wanneer zij tot die groep behoort, welke

-ocr page 91-

87

bestaat uit zand en gruis, resp. uit steenen van piszuur. Bij deze aandoening geven onze alkaliscli-salinische bronnen, wanneer men slechts vermijdt om zeer groote hoeveelheden er van te gebruiken en de alkalische reactie niet laat intreden, uitstekende resultaten. Over het chemische oplossingsvermogen van onze bronnen op piszuur vergelijke men pag. 56 en volgende.

28. Chronische morbus Brightii wordt symptomatisch beter door de glauberzoutbevattende wateren, wanneer stoornissen in de spijsvertering, aanhoudende trage stoelgang enz. aanwezig zijn; wanneer antemie annwezig is geschiedt dit door de staalbronnen.

H. Hartziekten.

30. De zich bij algemeene plethora vertoonende harl-hypertrophic en de lichtere graden van arleriosclerose eischen het aanwenden van de koude glanberzoutbron-nen; echter moet het koolzuur zooveel mogelijk worden verwijderd door langdurig schudden, bij voegen van melk, enz.

31. Vetvorming van het hart, (hieronder wordt verstaan eene zoodanige stoornis der functie van liet hart, die berust op vermeerderde ophooping van vet op het epicardium, op doorgroeien met vet van het hart, toestanden die bijna altoos gepaard gaan met algemeen verhoogde vetvorming\'), wordt in Tarasp-Schuls met zeer goede resultaten behandeld, zooals boven reeds is aangestipt.

J. Ziekten van de zintuigorganen.

32. Van Oogzieken zijn de chronisch-catarrhale ont-

\') Leichtcnstern , 1. c. paz. 404.

-ocr page 92-

88

stekingen van de conjunctiva, de chorioideïtis chronica en de hypemesthesia retinae aangewezen oai drinkkuren te ondergaan uit onze alkalisch-salinische bronnen; ook is het begin van glaucomateuse processen daarvoor aangewezen.

33. Van de ziekten van de gehoororganen zijn voor onze glauberzoutwateren geïndiceerd die subjective stoornissen van het gehoor welke door plethora abdominalis, door aanhoudende constipatie, enz. ontstaan en zich openbaren door oorsuisen.

Contra-indicatiën.

Als contra-indicatiën moeten wij volgens onze ervaring Tarasp-Schuls als herstellingsoord afraden bij

J. Hoogen graad van lichamelijke zwakte.

■2. Sterk uitgesprokene cachectische toestanden, vooral bij kankerachtige aandoeningen van de maag, van de lever, enz.

3. Klapvliesgebreken, met aanmerkelijke, onvoldoende of geheel gestoorde compensatie, sterke arterios-clerose, met neiging tot apoplexie, anenrysmata, enz.

4. Chronische bronchiaalcatarrhen, met belangrijke bronchiëctasiën of sterk uitgedrukt emphyseem.

5. Dispositie tot recidiven van polyarthritis rheuma-tica acuta.

6. Epilepsie en psychosen met neiging tot opgewondenheid.

-ocr page 93-

89

IV.

DE REISROUTEN.

Het best is tegenwoordig Tarasp-Schuls te bereiken (zie de kaart op den omslag):

1.) van liet oosten door de nog niet lang geopende Arlbergbaan. Directe verbindingen door middel van sneltreinen brengen de reizigers in korten tijd van Brussel, Keulen, Frankfort a/m., Parijs, Basel, Zurich naar het meest nabij/ijnde spoorwegstation Landeck. Van hier gaan dagelijks twee Zwitserse he posten, die de reizigers in ongeveer acht uren, zonder eenigen bergpas te pas-seeren, steeds opwaarts langs de rivier de Inn, over de hoogst interessante prachtig gebouwde Einstermunzstraat iangs IShnders en Martinsbrug brengen naar Tarasp-Schuls.

2.) van het zuid-oosten komende strekt de spoorweg zich uit tot Meran, van waar men door het vruchtbare aan kasteelcn en burchten rijke Vintschgau in eene dagreis over Nauders naar Tarasp-Schuls komt.

3.) van het zuiden is de gemakkelijkste weg, die van Como; over het prachtige Comermeer naar Colico en Chiavenna, en van daar mot de Zwitsersche post in eene dagmis over de lage Malojapas en door de geheele om hare schoonheden zoozeer geroemde boven Engadin, evenals door het bovenste gedeelte van beneden Engadin.

t.) van het noorden reist men tot het spoorwegstation Landquart, (tusschen Ragaz en Chur) en vandaar over het thans wereldljeroemde Davos en overdehooge door gletschers omgevene Fluelapas, in dertien uren naar Tarasp-Schuls. Gemakkelijker is echter ook voor de reizigers, die van het noorden komen, de onder 1 vermelde reisroute over Landeck.

-ocr page 94-
-ocr page 95-

INHOUD.

Bladz.

I. Beschrijving van het herstellingsoord Tarasp-

Schuls.............3

1. Het Kurhaus Tarasp......13

2. Schuls...........23

3. Vulpera...........27

II. üe geneesmiddelen van Tarasp-Schuls. . . 29

A. Het alpenklimaat van Tarasp-Schuls . . 32

B. De mineraalbronnen van Tarasp-Schuls . 50

1. De alkalisch-salinische of koude glau-berzoutbronnen........52

2. De ijzerhoudende zuurlingen .... 67

0. De baden...........71

D. Het diëet...........7(3

lil. De aanwijzingen voor het herstellingsoord

Tarasp-Schuls...........78

Indication...........80

Contra-indicatiën.........88

IV. De reisrouten...........80

-ocr page 96-
-ocr page 97-
-ocr page 98-

Tarasp

Luciits 6.70

Marienbad

Ferd. Brunutu 10.30

Franzensbad

Sulzqiiflle

Karlsbad

Spril del

.»0

Elster

Sulzquelle

Kisstngen

Jiucoczy 10.7°

Vichy

(irnwle Grille 43. G»

-ocr page 99-

*

versshillende Alkalisch-Salinische bronnen te vergelyken.

3o deslJ als watervrye bicarbonaten berekend.

torn t\'aniM vaste bestanddeelen. Voor de andere strepen slaan de scheikundUje formules.) 50 I 60 \'0 80 90 100 110 120 130 .

-i--h

-I—

1

m

|-

-

-

—t—

I

_1_

1

1

-

-

--

—1

i

I

1

1

1 \\

1

i

1 1

i

f

1

1

____L

1

!

--1

i 1

1 1 i

i

!

1 1

i

1

! 1

!

j

t

..

-

i

I

■■

i 1

1 ! i

1

mm

fi

1

1

WfiM f

1

——————1

——

I

f

_

L

__

I_

—1—

1—m—!

!-

----

___

1

i_

!

|-

i

I \'

|

mm

_

_

1

1—

—J

P

—J

__

--

M=

i i

H=

!—i———

1

—i

1

-

-

-,

_jl

_____

;_

1

1 1

.

1

——H

______

1_

1 1 1_

;

1

1 jj

rz

tzz

1 !

----

-J

L

LZ

1_

n:

!

\\\\

r—■

r r

£1

H—

1

! ! i

_

1_

f

!

rzquot;

\'

i_

1 i

r

1

__J

[_

__

_

_1

1_

!

1

T

_____

__

;_

i

i

t—■ -1

!

•-

i

1 1

1 I

——i

r

quot;T

--

_

t:

c

1 1

a

n

L

!

«00 110 120 130 140

MH.. Qebr. Karei en Nikolaas Benaiger In Elnaledaln, ZwltMrl*nlt;l.